Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 0 - 189 - 1801 - 1803 - 1805 - 1806 - 1808 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 2018


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1867


01 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bekendmaking ingevolge artikel 28 van het Wetboek van Koophandel. Blijkens onderhandse akte, op de 1e juli 1866 te Rotterdam getekend, gedeponeerd onder de minuten van de ongetekende notaris Abraham Adriaan Reepmaker, aldaar, en welke in haar geheel zal worden ingeschreven ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam, is tussen de heren Henry Kerdijk en Lodewijk Pincoffs, kooplieden te Rotterdam, ter ene en de heren Mr. J.G. de Bruyn, Jan van der Hoop, Jaczn., Mr. M. Mees, A. Milders, E. Moll, W.A. Viruly Verbrugge en A.S.J. Viruly te Rotterdam; N.S. Raphael te Amsterdam; K. Enthoven Lz. en H.L. Enthoven Lz. te 's Gravenhage en S.A. Kerdijk te Wiesbaden ter andere zijde, met elkander aangegaan een commanditaire vennootschap tot het drijven van handel op de kust van Afrika en wat daarmee in betrekking staat, in dier voege en zoals dit tot nu toe is geschied door de twee eerstgemelden onder de firma Kerdijk en Pincoffs, onder bepaling dat de twee eerstgenoemden zijn de hoofdelijk voor het geheel aansprakelijke vennoten voor alle handelingen van de vennootschap en de overige de commanditaire of geldschietende vennoten. De vennootschap is gevestigd te Rotterdam, onder de naam van Africaansche Handels-Vereeniging, tot welker tekening de beide eerstgenoemde vennoten gerechtigd zijn onder de handtekening van hun bestaande firma van Kerdijk en Pincoffs, met bijvoeging van de woorden Africaansche Handels-Vereeniging. De vennootschap is aangegaan voor de tijd van 10 jaren, te rekenen van de 1e juli 1866 en mitsdien eindigende de 30 juni 1876. Een jaar vóór het einde van de vennootschap zullen de vennoten, die haar ontbinding verlangen, daarvan schriftelijk kennis geven aan hun mede-vennoten. Bij gebreke van die kennisgeving worden zij geacht in een verlenging voor 5 jaren te hebben toegestemd.
Rotterdam, 1 januari 1867. A.A. Reepmaker, notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte op de 28e november 1866 voor de notaris Willem Simon Burger Wz. te Rotterdam verleden, is tussen de ondergetekenden Johannes Jan Ruijsch en Hendrik Cornelder, beiden cargadoors en expediteurs, wonende te Rotterdam en aldaar tezamen handelende onder de firma Ch. Cornelder & Zonen, overeengekomen dat de cargadoors- en expeditiezaken van de 1e januari 1867 af door hen zullen worden voortgezet en wel wat betreft de eerste ondergetekende als alleen beherende en diensvolgens ook alleen aansprakelijke vennoot en wat de tweede ondergetekende aangaat alleen als commanditaire vennoot of bij wijze van geldschieting. De vennootschap wordt aanvankelijk voortgezet voor een tijdvak van negen jaren, te rekenen van gemelde datum af, doch zal na die tijd nog voor vijf jaren worden voortgezet, bijaldien geen van de vennoten die een half jaar vóór de expiratie schriftelijk mocht hebben opgezegd en zulks telkens van vijf tot vijf jaren, totdat een zodanige opzegging een half jaar te voren mocht hebben plaatsgehad. De firma van de vennootschap blijft : Ch. Cornelder & Zonen, tot de tekening waarvan de eerste ondergetekende gerechtigd is, zonder die immer te mogen bezigen tot het tekenen van obligaties, promessen, borgtochten, acceptaties in blanco of het opnemen en negotiëren van gelden.
Rotterdam, 1 januari 1867. J.J. Ruijsch. H. Cornelder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte op de 24e december 1866 voor de notaris Hermanus Adrianus Schadee te Rotterdam gepasseerd, is tussen de ondergetekenden Jan Vroege, scheepsreder en koopman, wonende te Alblasserdam en Cornelis Maurits de Wijs, cargadoor, wonende te Rotterdam, aangegaan een vennootschap, welke gevestigd zal zijn te Rotterdam en ten doel heeft het uitoefenen van cargadoors-, convooilopers- en expeditie-zaken en zulks aanvankelijk voor de tijd van 5 jaren, aan te vangen met de 1e januari 1867, na verloop van welke tijd de vennootschap nog voor één jaar zal worden verlengd, bijaldien geen van de vennoten die een half jaar vóór de expiratie schriftelijk mocht hebben opgezegd en waarmee vervolgens alzo van jaar tot jaar zal worden voortgegaan, totdat een zodanige schriftelijke opzegging minstens een half jaar te voren zal hebben plaats gehad. De firma van de vennootschap zal zijn: Vroege & De Wijs, tot de tekening van welke beide de vennoten gerechtigd zijn, zonder die echter immer te mogen bezigen tot het tekenen van obligaties, promessen, acceptaties in blanco of soortgelijke particuliere engagementen, waartoe altijd de particuliere handtekening van beide de vennoten vereist zal worden.
Rotterdam, 1 januari 1867. J. Vroege. C.M. de Wijs.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 december. Het schip JELTINA, kapt. Scherpbier (opm: 2m.sch JELTINA, kapt. A.P. Scherpbier), van Buenos Ayres naar St. Catharina, is op 26 oktober bij het eiland Lobas gestrand en verbrijzeld. Het volk is gered.
(opm: mogelijk is de JELTINA gestrand op een eilandje genaamd Lobas nabij een hoek genaamd Santa Marta, positie 28º36’ ZB en 48º 49’ WL, gelegen in de provincie Santa Catarina, Brazilië)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 december. Het schip (opm: kof) MARGARETHA ALIDA, kapt. Dik, van Frederikstad naar Dokkum, is, door het volk verlaten, te Londen aangebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 december. Van het schip AMSTERDAM, kapt. Doeksen, 16 april van Rangoon en 23 augustus van St. Helena naar Falmouth vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stornaway, 26 december. Het schip POSEIDON, kapt. Deddes, van Christiansand naar Havana, is wegens noodweer hier binnengelopen, zijnde reeds aanmerkelijk Westelijker geweest.


02 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 31 december. Hedenmorgen is Zr.Ms. transportschip de HELDIN op de gebruikelijke wijze buiten dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. E. Mauritz, A.C. van Wageningen jr., P.J. de Kanter jr., D. de Jongh Wzn., B. de Witt en J. de Voogd jr., makelaars te Dordrecht, presenteren op zaterdag de 26e januari 1867 des middags ten 12 ure precies, in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn over het Scheffersplein te Dordrecht, publiek te verkopen: het extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip JEANNETTE EN CORNELIA, gevoerd door kapt. A. Romijn, volgens meetbrief lang 33,40 ellen, wijd 6,47 ellen, hol 5,50 ellen en alzo gemeten op 485 tonnen of 256 lasten, liggende in de haven te Schiedam en breder bij de inventaris omschreven. Nadere onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors D. Schotman Dzn. te Dordrecht en De Groot Roelants & Co te Schiedam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, makelaar, zal op maandag de 14e januari 1867 des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de notaris Bruno Tideman, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, presenteren te verkopen: het in het jaar 1864 nieuw gebouwd en uitmuntend uitgerust extra snelzeilend gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd MACHTILDA EN SIMONETTE, gevoerd door kapt. C. Maalsteed. Volgens Nederlandse meetbrief lang 36 ellen, wijd 5 ellen 95 duimen, hol 3 ellen 41 duimen en alzo gemeten op 325 tonnen of 171 lasten. Liggende te Rotterdam in de Wijnhaven. Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar; bij de cargadoors Oolgaardt & Bruinier te Amsterdam en Visser & Van der Sande te Rotterdam, zomede bij de reder, de heer W.J. Hiddebok te Nieuwediep, gemeente Den Helder.


03 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Dagvaarding. In den jare 1866, de 26e december, ten verzoeke van Algemeen Armbestuur der gemeente Ammerzoden, aan hetwelk bij beschikking van de Arrondissements-Rechtbank te Tiel toelating is verleend ten deze kosteloos te procederen, en uit kracht van het verlof door bovengenoemde rechtbank bij vonnis van 8 september 1865 aan de requirant verleend, heb ik, Willem Arend Harte, deurwaarder bij de Arrondissements-Rechtbank te Tiel, gedagvaard Hendrikus van Ammerzoden, laatstelijk gedomicilieerd te Ammerzoden, doch thans afwezig, om na verloop van drie maanden na heden en alzo op vrijdag 5 april 1867 te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissements-Rechtbank te Tiel, ten einde:
-          Aangezien de gedaagde zich in december 1855 op het koopvaardijschip HENRIETTE MARIA, kapt. G.W. Bakker, onder directie der cargadoors Vaesen & Steinhaus te Rotterdam, als lichtmatroos geëngageerd heeft.
-          Aangezien het schip, waarop gedaagde gevaren heeft, in 1857 is vergaan, en, ofschoon niet blijkt, dat de gedaagde bij die schipbreuk het leven heeft verloren, sedert die tijd niets meer van hem vernomen is.
-          Aangezien de eiser belang heeft dat bij vonnis worde verklaard, dat er rechtsvermoeden van overlijden van gedaagde bestaat sedert 1858.
Mitsdien aan gemelde rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken, en dat in geval de gedaagde niet mocht opkomen, der rechtbank behagen moge te verklaren dat er rechtsvemoeden van overlijden bestaat sedert de 1e januari 1858.
W. A. Harte, deurwaarder (opm: zeer sterk bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand, 22 december. Het gisteren in Mandal binnengelopen schip STAD WORKUM, kapt. Eisinga, van Kjöge naar Hull bestemd, is bezig de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stanley (Falkland Islands), 6 november. Het Nederlandse schip ORANJE-NASSAU, wijlen kapt. Strang van Hees (opm: daarna kapt. J. Kettler), van de Clyde naar San Francisco bestemd, hetwelk alhier de 21e april wegens schade veroorzaakt door brand in de lading, is binnengelopen, is de 3e oktober 1866 afgekeurd. De lading zal overgescheept worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vertrokken: Texel, 1 januari. TWEE ZUSTERS, B.J. Feenstra, STAD WORKUM, D.R. van ’t Veer, EENDRAGT, P. Jelsma, VISSCHERIJ, A. Fortuin en VROUW DIEUWKE, J.B. Feenstra, alle 5 naar Londen.
(opm: dit zijn 5 van de 14 palingschepen in de vaart van Workum op Londen, de overigen zijn DRIE BROEDERS, R.J. Bijkerk, MENTOR, H.H. Toering, TWEE BROEDERS, T. Stenders, HERSTELLING, R.D. van ’t Veer, VROUW ANNA, A. Hospes, de HOOP, J.T. Visser, SIPPE VISSER, K.S. de Jong, VRIESLAND, D.W. Boontje en CORNELIA, A.A. de Jong)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 januari. Volgens brief van kapt. Parrel, voerende het schip de UNIE, van Riga naar Schiedam, was hij op 10 december in Noorwegen nabij Christiansand binnengelopen. Aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bahia, 12 december. Het schip JACOBA, kapt. Zwanenburg, van Triëst herwaarts, is de achtste dezer te Barra Fana gestrand, doch na een gedeelte der lading gelost te hebben, weder af en alhier binnengebracht. Het heeft ogenschijnlijk weinig schade geleden.


04 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, G.J. Boelen, C.S. Oolgaardt, P.J. van der Aa Gz., J.F.L. Meyjes en P. Reineke, makelaars, zullen op maandag de 14e januari 1867 te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte verkopen: twee extra ordinair welbezeild gekoperde tweedeks barkschepen, varende onder Nederlandse vlag:
-          De FRANS EN ELISE, gevoerd door kapt. T.J. Niedfeld, volgens Nederlandse meetbrief lang 36 el 40 duimen, wijd 7 el 33 duimen, hol 5 el 9 duimen en alzo gemeten op 604 ton of 319 lasten.
-          De BERNARD EN AGNES, gevoerd door kapt. B. Ordeman, volgens Nederlandse meetbrief lang 35 el 20 duimen, wijd 6 el 18 duimen, hol 4 el 75 duimen, en alzo gemeten op 459 ton of 243 lasten.
Breder bij inventarissen en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors J. Daniels & Zonen en Arbman.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 januari. Het Nederlandse schip STAD WORKUM, kapt. Eisinga, van Bogensee naar Hull, is volgens brief uit Mandahl dd. 23 december, aldaar lek, met verlies van zeilen en met meer andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geestemünde, 1 januari. Alhier liggen in de haven de Nederlandse schepen TIME IS MONEY, kapt. Van Lessen Balsters, CONCORDIA, kapt. Brants, HENDRIKA , kapt. Vos, UNION, kapt. Hazewinkel, HARBERDINA, kapt. Bakker, BARTELD HERMAN, kapt. Rasker, VENUS, kapt. Visser en WILLEM VAN DER VOORT, kapt. Carst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 31 december. Alhier liggen de volgende Nederlandse schepen die deels tevergeefs getracht hebben de zee te bereiken, deels wegens storm uit zee teruggekomen zijn: VIER GEBROEDERS, kapt. Emmelkamp, van Stettin naar Bremen; GESINA, kapt. Krook, van St. Petersburg naar Leeuwarden; SOPHIA , kapt. Vonk, van Nykjöbing naar Amsterdam, TITIA JACOBINA, kapt. Klein, van Nestved naar Rotterdam; VOORWAARTS, kapt. De Vries, van Engelholm naar Colchester; GEERTRUIDA, kapt. Mandema, van Koningsbergen naar Harlingen; VIER GEZUSTERS, kapt. Post, van Eckernförde naar Amsterdam; VROUW ELISABETH, kapt. Top, van Nystved naar Schiedam; IMMANUEL, kapt. De Jonge, van St. Petersburg naar Groningen; CATHARINA ALIDA, kapt. Pronk, van Memel naar Bremen; JOHANNA, kapt. Brouwer, van Eckensund (opm: waarschijnlijk Eger[n]sund) naar Varel; DIEVERDINA, kapt. De Jonge, van Stralsund naar Firth of Forth; EENDRAGT, kapt De Boer, van Kiel naar Antwerpen; MARTHA, kapt. Topzant, van Koningsbergen naar Bremen en ANNA ELISABETH, kapt. Muntendam Dik, van Koningsbergen naar Hamburg. De gezagvoerders hopen, zodra wind en weer zulks veroorloven hun reis voort te zetten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een nog hecht hektjalkschip, groot 53 ton, met inventaris, en een veerscheepje, groot 7 ton, met beste inventaris, bij H.P. van der Werff te Drachten, bij wie twee à drie scheepstimmerknechten, hun werk verstaande, dadelijk of 5 maart vast werk kunnen bekomen.


05 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 3 januari. Het alhier heden van Cardenas (opm: Cuba) gearriveerde Nederlandse schip HAVANA PACKET, kapt. De Boer, heeft op de reis aanhoudende zware stormen doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping in een zitting. De notarissen Van der Hoeven en Speelman, residerende te Rotterdam, als last hebbende van hun principalen zijn voornemens op dinsdag de 15e januari 1867, des middags ten 12 ure in het notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam, in het openbaar in één zitting bij opbod te verkopen: een hechte, sterke, goed gebouwde en net betimmerde ijzeren rader-stoomboot, genaamd DEN BOMMEL, gevaren hebbende tussen Den Bommel en Rotterdam, in 1865 nieuw gebouwd, geijkt volgens meetbrief op 188 ton met inbegrip van de machinekamer, liggende thans aan de Haringvliet nabij de Hooimarkt te Rotterdam. Zijnde deze stoomboot uitmuntend ingericht tot vervoer van passagiers, goederen en vee en hebbende een machine van lage drukking van 50 paardenkracht, met nieuwe ketel, voorzien van koperen pijpen; zulks met staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, ijzeren sloep en verdere inventaris. Inmiddels uit de hand te koop. Te bezichtigen van heden af dagelijks, zullende aanwijzing geschieden door de kapitein aan boord. Informaties zijn te bekomen zó ten kantore van de heer A. den Breems, scheepsreder te Vlaardingen, als ten kantore van voornoemde notarissen Van der Hoeven en Speelman aan het Westnieuwland te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, zal op woensdag 16 januari 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van de logementhouder J.P. Scherpbier te Oude Pekela in openlijke veiling verkopen het schoenerschip THECLA MARIA, groot 175 zeeton, laatst bevaren door kapt. J. Vinke Mulder, in 1863 nieuw gebouwd, met deszelfs complete inventaris. Nadere informatiën bij de boekhouder F.L. Drenth te Oude Pekela alsmede ten kantore van de notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J.C. Van Slooten, notaris te Veendam, gedenkt ten verzoeke van zijn principalen op vrijdag 11 januari 1867, des avonds te 7 uur, in het Gemeentehuis te Wildervank publiek te verkopen het in het voorjaar van 1863 voor het eerst naar zee gezeilde Nederlandse schoenerschip WIJCHERDINA, groot 126 ton, thans liggende te Rotterdam, met deszelfs uitmuntende inventaris, zoals het door kapt. K.P. van Dijken is bevaren. Inlichtingen zijn te bekomen bij de heren J.M. Meihuizen & Zn. te Wildervank en ten kantore van gemelde notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende 1866 zijn te Texel binnengekomen 1965, in Helvoet 2761, te Brielle 593, te Brouwershaven 419 en te Zierikzee 156 schepen.


  JB - Javabode

Soerabaija, 31 december. De beide op Meindertsdroogte (opm: Karangmas; 07º 41’ ZB en 114º 26’ OL) gestrande schepen hebben, zoals zij daar zijn liggende of niet liggende, heden op publieke vendutie opgebracht de som van NLG 162. De firma Maarschalk & Co. is koopster van die veronderstelde schat. (opm: de Nederlandse schepen (opm: 3m) ISIS en de (opm: bark) CORNELIS ANTONIE)


06 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 januari. Het Nederlandse schip GEZIENA, kapt. Krook, van St. Petersburg met rogge naar Leeuwarden, is volgens telegram van Delfzijl van heden, aldaar lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 januari. Kapt. Zwanenburg, voerende het Nederlandse schip JACOBA, van Triëst te Bahia gearriveerd, meldt van daar d.d. 12 december, dat hij de 5e op een onbekende bank aan de grond was geraakt, doch met assistentie en na een gedeelte der lading gelost te hebben, weder af was gebracht. Het was door het aanhoudend stoten lek geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 2 januari. Het schip MARGARETHA WILHELMINA, kapt. Wulff, van Grimsby naar Kaap Haiti bestemd, had een anker en ketting laten slippen en is daarvan wederom van voorzien geworden.


07 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. De 29e december is van de werf van de scheepsbouwmeesters J.& H. Nijhuis te Sappemeer te water gelaten het schoener-galjootschip ALBERDINA, groot 95 tonnen, gevoerd zullende worden door kapt. A.J. Lever.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 januari. Het Nederlandse schip FENNA SCHOLTENS, kapt. Drenth, van Nykjöbing naar Leith, is volgens telegram uit Londen van gisteren, te Yarmouth lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, W. Bakker Bzn en H.J. Daam, makelaars, zullen als lasthebbenden van hun principaal, ten overstaan van de notaris J.W.H.H. Druijvesteijn, de 18e februari 1867 des avonds ten 6 ure in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, presenteren te verkopen: het uitmuntend gebouwd, extra snelzeilend, gekoperd en kopervast barkschip, genaamd WILLEM DANIEL, gevoerd door kapt. H.H. Zeijlstra, groot volgens Nederlandse meetbrief lang 36 el 70 duimen, wijd 5 el 56 duimen, hol 5 el 6 duimen, en alzo gemeten op 459 tonnen of 242 lasten en verder met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere toebehoren, als breder bij inventaris omschreven en liggende ter bezichtiging aan de werf De Boot, Groote Wittenburgerstraat. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Oolgaardt en Bruinier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij rechterlijk gezag van het Amerikaanse schoenerschip genaamd FLYING EAGLE, liggende te Rotterdam in de Vlugthaven, lang volgens meetbrief 30 el, wijd 5 el 88 duimen, hol 3 el 59 duimen, en alzo groot 281 tonnen met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, ingevolge inventaris, gevoerd geweest door kapt. J. Putcher. Ten verzoeke van de heren Ruys & Kellar, cargadoors en convooilopers, wonende te Rotterdam, ten deze domicilie kiezende ten kantore van de voor hen occuperende procureur mr. Gerardus Combertus Burger aan de Haringvliet, wijk 12, nummer 47 aldaar. Rekwiranten uit krachte van een vonnis, gewezen door de arrondissementsrechtbank te Rotterdam de 12e december achtienhonderdzesenzestig 1866, behoorlijk geregistreerd ten kantore van de heer ontvanger Treussart van Rappard, de 17e en 19e december daaraanvolgende, inzake van de rekwiranten, als eisers, tegen voornoemde schipper kapt. J. Putcher, als gedaagde, bij hetwelk deze is veroordeeld om aan de eisers te betalen een som van zeven duizend vier honderd vijf en tachtig gulden vier en veertig en een halve cent, ter zake van aan hem ten behoeve van zijn voornoemd schip gedane voorschotten en geleende gelden en verdiend commissieloon, met de interessen en kosten en daarvoor onder anderen hetzelfde schip en toebehoren speciaal verbonden en executabel – en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren. De executanten hebben het voorschreven schip en toebehoren ingezet voor een som van vijf duizend gulden. De verkoop zal plaats hebben ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam op woensdag de 30e januari 1867, des voormiddags ten elf ure precies. De memorie van lasten is gedeponeerd ter griffie van meergemelde rechtbank en kopie daarvan ligt ter visie ten kantore van voornoemde procureur, mr. Gerardus Combertus Burger, bij wie nadere inlichtingen te bekomen zijn. Rotterdam, 7 januari 1867. Mr. G.C. Burger, procureur.


08 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 november 1866. Vrachten zijn wederom lager. Nadat nog een paar schepen NLG 40 en NLG 35 bedongen voor suiker en koffie, wordt thans niet meer dan NLG 35 voor beide producten geboden. De disponibele laadruimte is nog aanzienlijk. De ESTAFETTE werd bevracht naar Amsterdam à NLG 35 en NLG 40 voor suiker, NLG 40 voor koffie te Samarang en Soerabaja te laden. DELFT à NLG 43,50 voor suiker te Plawangan te laden. Onbevrachte schepen: BURGEMEESTER HOFFMAN, G.P. SERVATIUS, TERNATE, MAASSLUIS, MARIA, REGINA MARIS, VIER GEZUSTERS, ELISABETH, PHILIPS VAN MARNIX, LICHTSTRAAL, NIEUWE WATERWEG, ALBLASSERWAARD.
YSTROOM en WILLEM POOLMAN in reparatie
De MARIA VERONICA, HENDRIKA, JOHANNA MARIA CHRISTINA, SALATIGA en KANDANGHAUER maken kustreizen, het Engelse schip AMICUR is te koop.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De negende oktober 1866 beviel aan boord van het barkschip ALCYONE, kapt. J. Kruisinga, op 31ºZB en 34ºOL, voorspoedig van een welgeschapen zoon C.G. Kruisinga - De Joode.
Amsterdam, 3 januari 1867.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op donderdag 10 januari 1867, des voormiddags te 11 uur, zal ten huize van J. Knoop Pathuis te Onderdendam publiek worden verkocht, mede behorende tot de nalatenschap van de heer M.J. Feisser en echtgenote 2/20 aandeel in het brikschip THORBECKE, gebouwd in 1857, gemeten op 175 tonnen. Gezinkt en gevoerd door kapt. P.H. Witting. Informatiën zijn te bekomen bij de boekhouder D. Mulder & Zn. te Winschoten en ten kantore van de notaris te Onderdendam.
Get: Mr. A.J. Van Royen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op maandag 21 januari, des avonds te 5 uur, ten huize van J.P. Scherpbier te Oude Pekela publiek te koop te presenteren het gezinkt galjootschip NEPTUNUS, in 1860 nieuw naar zee gegaan, groot 139 ton, met deszelfs inventaris, zoals het nu is liggende te Amsterdam, benevens een chronometer. De verkoopconditiën en een inventarislijst liggen ter inzage ten kantore van de notaris, alsmede de laatste ten huize van verkoop en bij de heren Hagenzieker & Co, cargadoors te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. In de maand januari, op nader te bepalen tijd, zal ten huize van T. Dik op Termunterzijl verkocht worden het schoenergaljootschip CONCORDIA, gevoerd door kapt. G. Knijpenga Jr, liggend te Termunterzijl. Informatiën te bekomen bij de boekhouder F. Bos Smak.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende 1866 zijn te Amsterdam 1465 schepen gearriveerd en 1471 schepen vertrokken. Te Hamburg gearriveerd 5155 en vertrokken 5210. Te Antwerpen 3081 gearriveerd en vertrokken 3031 schepen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 6 januari. Gedurende het afgelopen jaar zijn alhier binnengekomen 666 schepen metende 132.299 ton, en uitgezeild 654 vaartuigen, metende 129.903 ton.


  LC - Leeuwarder Courant

De burgemeester van Westdongeradeel roept tot reclame op de eigenaren van de navolgende uit zee aangebrachte en onder zijne bewaring gestelde sloepen of boten:
- een boot, aangebracht in 1865, lang plus minus 3,976 (14 voet), gemerkt JEANNE CECILLE, overigens gene merken
- een boot, aangebracht in november 1866, lang plus minus 5,112 (18 voet), van buiten wit geverfd, overigens zonder merken.
Ternaard, de 5 december 1866, de burgemeester voornoemd, J. Klaasesz.


09 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 6 januari. In de bestemming van Zr.Ms. stoomschip SOEMBING, commandant luitenant ter zee 1e klasse Phaff, is een verandering gekomen. Bedoeld stoomschip zou eerst van Suriname naar Curaçao vertrekken. Thans zal men eerst naar de kust van Guinea stevenen, aldaar drie of vier weken manoeuvreren om de Nederlandse vlag te vertonen en dan naar Suriname wenden om aldaar het stoomschip BOMMELERWAARD af te lossen. Daar zal men vertoeven totdat men door het stoomschip SCHOUWEN wordt afgelost en dan naar Curaçao vertrekken om het stoomschip PRINSES MARIE af te lossen, hetwelk, evenals de BOMMELERWAARD, repatrieert. De SOEMBING zal na anderhalf jaar naar het vaderland terugkeren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 4 januari. Heden is alhier met assistentie binnengelopen het schip MARGARETHA WILHELMINA, kapt. Wulff, van Hamburg en Grimsby naar Kaap Haïti bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, .. januari. Het schip FENNECHINA SCHOLTENS, kapt. Drenth, van Nykjöbing naar Leith bestemd, geladen met gerst, is alhier lek binnengelopen, hebbende zeer slecht weder op de reis gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lowestoft, 4 januari. Heden is van hier vertrokken het schip HARMONIE, kapt. Luders, van Shields naar Alexandrië bestemd na van een grote ra enz. voorzien te zijn geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Makassar, 8 november. De Nederlandse brik CANDATI, kapt. Krijnen van Sunderland, hier binnen, is opgenomen tot NLG 95 per last naar Amsterdam. De Nederlandse brik PRINSES AMELIE, kapt. Groeneveld, met stukgoederen naar Amsterdam, bleef nog onbevracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Katwijk aan Zee, 8 januari. Het schip ANNA, kapt. Hubert, gisteren gemeld als zijnde bij Wassenaar gestrand, is geheel verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 4 januari. Het Nederlandse kofschip MARTHA, kapt. Topzant, de 3e dezer van Koningsbergen alhier aangekomen, heeft bij het binnenlopen in de Geestemünder haven het anker zodanig door de boeg gedrukt, dat het daardoor zwaar lek is geworden. Men zal trachten het op het droge te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 23 november. Heden is alhier lek binnengelopen het Nederlandse schip JANNETJE, kapt. Van Striemen q.q., van Batavia naar Nederland bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 7 december. Het Nederlandse barkschip PATRIARCH SAMHIRI, kapt. Lion, van Cardiff naar alhier bestemd en geladen met steenkolen, heeft in de Straat Banka aan de grond gezeten, doch nadat het omstreeks 30 ton steenkolen over boord had geworpen, weder zonder andere schade bekomen te hebben vlot gekomen.


  JB - Javabode

Brouwershaven, 20 november. Van het schip ELIZABETH, kapt. Feenstra, zijn gisteren door de zware storm beide ankerkettingen gebroken en is op “Dwars in de weg” gedreven, men heeft het schip van de wal direct van ankers voorzien en is door de sleepboot KINDERDIJK in vlot water gesleept.


  JB - Javabode

Amsterdam, 19 november. Volgens brief uit Mauritius, dd. 18 oktober, had het Nederlandse schip CHERIBON, kapt. Swarts, van Bassein naar Falmouth, aldaar met schade binnengelopen, de 6e dito de reis voortgezet; 3661 balen beschadigde rijst waren voor dollar 13.014,78 verkocht; de reparatiekosten hadden dollar 17.336,44 belopen (opm: soort dollars onbekend).


  JB - Javabode

Amsterdam, 19 november. De romp van het Nederlandse schip JAN DANIEL, gevoerd geweest door kapt. Van IJzendoorn, van Soerabaija herwaarts, aldaar afgekeurd, had dollar 3.972,46 en 3352 balen koffie en 53 kranjangs suiker, beiden beschadigd, dollar 46.463,37 opgebracht (opm: soort dollars onbekend).


  JB - Javabode

Amsterdam, 19 november. Het Nederlandse schip STAD ASSEN, kapt. Boer, van Batavia herwaarts, aldaar lek binnengelopen, moest dokken om te repareren. De lading was gedeeltelijk beschadigd.


  JB - Javabode

Amsterdam, 19 november. Het Nederlandse schip JAN VAN SCHAFFELAAR, kapt. Van Duijn, van Batavia naar Rotterdam, aldaar lek binnengelopen, zou na een gedeelte van de lading, beschadigd, verkocht te hebben, zo spoedig mogelijk de reis voortzetten.


  JB - Javabode

Amsterdam, 20 november. Volgens brief van kapt. De Waal, voerende het Nederlandse schip EENSGEZINDHEID, van hier naar Batavia, was hij de 17e dezer bij Dungeness; schip en equipage waren in goede staat.


  JB - Javabode

Advertentie. Te koop wordt aangeboden het Pruisische brikschip EXPRESS, met complete inventaris, groot 148 lasten en ladende ongeveer 4700 pikols, gevoerd door kapt. Kraft en gebouwd te Stralsund in 1850 van eikenhout, kopervast en met geel metaal beslagen. Nadere informaties bij de gezagvoerder te Cheribon of bij de agenten, C. Bahre & G. Kinder. Batavia, 7 januari 1867.


  JB - Javabode

Batavia, 9 januari. Naar wij vernemen is op de Lucipara-eilanden (opm: 05º 30 Z’B en 127º 30’ OL) gestrand het Engelse schip LADY LOUISE, op reis van China naar Engeland. De lading, bestaande uit thee, moet een zeer aanzienlijke waarde vertegenwoordigen. De stoomboot MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE is onmiddellijk op het vernemen van de tijding ter assistentie van hier vertrokken.


  JB - Javabode

Rembang, (geen datum). Op de 23e december jl. strandde ten westen van Lassem (opm: Lasem, positie 06º 43 Z’B en 111º 26’ OL) de Nederlands-Indische bark AMMANA TULBARI, gevoerd door Sech Achmat bin Diap, groot 279 lasten, komende van Soerabaija met een lading djatihout en bestemd naar Batavia.


  JB - Javabode

Madura, (geen datum). In de avond van de 18e december jl. is de brik VENUS, gevoerd door W. Kean, komende van Hongkong via Batavia en Indramajoe, beladen met thee, suiker en rijst en bestemd naar Auckland, tussen het eiland Giliang (opm: Gili Ijang, positie 07º 00’ ZB en 114º 11’ OL) en de vaste wal van Batoe-tali, gestrand en kort daarop gezonken. De gezagvoerder en acht Europese opvarenden zijn allen gered, benevens de scheepspapieren, enige kledingstukken en de beide sloepen. Van het schip was bij laag water slechts de top van de voormast zichtbaar.


10 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 8 januari. Naar men verneemt, bestaat het voornemen om de schroefstoomschepen 1e klasse KIJKDUIN en SCHOUWEN primo februari, en de SOESTDIJK en AMSTEL primo maart a.s. in dienst te stellen voor de dienst in de Oost- en West-Indiën.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Het schip HOOGEZAND, kapt. Van Driesten, van Londen naar Hamburg, is de 6e januari wegens vorst en tegenwind te Delfzijl binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Volgens bericht van Delfzijl van de 6e januari, was een met hout beladen naar Emden bestemde galjoot, gevoerd door kapt. Teerling, tegen een van de stenen hoofden geraakt, terwijl er nog een tjalk tegen de dijk op de Eems zou zitten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 januari. Het Nederlandse schip WILHELMINA EN CLARA, kapt. Van Herwerden, de 5e dezer uit Texel naar Batavia vertrokken, is, volgens telegram van aldaar van heden, uit zee teruggekomen, hebbende veel storm doorgestaan. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 6 januari. Het met een lading hout van Dantzig naar Harlingen bestemde Nederlandse kofschip MARTHA, kapt. H.H. Nieboer Jr., is alhier op de rede zodanig door het ijs beschadigd, dat het vol water is gelopen en op de lading drijvende in de oude voorhaven is gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 6 januari. Het Nederlandse kofschip MEINSINA, kapt. D.D. Klontje, is in de Blexener hoek op strand geraakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 24 november. Het Nederlandse schip SOPHIA AMALIA, kapt. Van Overklift, komende van Saigon, is heden alhier aangekomen met verlies van zeilen, rondhouten, verschansingen enzovoort, hebbende een hevige storm belopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Katwijk aan Zee, 7 januari. Het te Pekela thuis behorende galjootschip ANNA, kapt. Hubert, is hedenmorgen onder de gemeente Wassenaar gestrand. De bemanning, bestaande uit de kapitein en 4 man, heeft met de boot het schip verlaten en is alhier behouden aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Glückstadt, 4 januari. Het schip CATHARINA MARGARETHA, kapt. Riebeling, van Amsterdam naar Rostock, is in averij hier binnengekomen. Het is lek en moet lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontvingen wij het treurige bericht, dat onze innig geliefde broeder Freerk van Dijken in de bloeiende leeftijd van ruim 19 jaren, op 21 oktober j.l. aan boord van het Nederlandse schoenerschip CONCORDIA, kapt. Zeeff, na een korte maar hevige ziekte is overleden.
Eenrum, 5 januari 1867, M. D. Knol, mede namens broeders en zusters.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op vrijdag 25 januari 1867, des avonds om 5 uur, ten huize van J.A. Ruibing te Winschoten publiek te koop te presenteren het Nederlandse galjootschip COLLEGIE VOORZORG, in 1858 nieuw naar zee gezeild, groot 126 ton, met deszelfs inventaris, zoals is liggende in Amsterdam. De verkoopconditiën en een inventarislijst liggen ter inzage ten kantore van de notaris, alsmede de laatste ten huize van verkoop en bij de heren Oolgaard & Bruinier, cargadoors te Amsterdam.


11 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Kapt. P.T. Hansen, voerende het stoomschip AMSTERDAM, heden van Hamburg te Amsterdam aangekomen, rapporteert dat hij op zondag de 6e dezer, op de Elbe, tussen Freyburg (opm: Freiburg) en de Oste (opm: rivier), bij stormweer uit het ZO, door middel van zijn scheepskijker mensen op een ijsschots meende te zien. Hij hield er onmiddellijk op aan, en vond werkelijk twee mannen, gans verstijfd en uitgeput staande op een ijsschots. Na veel moeite gelukte het hem die ongelukkigen binnenboord, en na een onafgebroken inspanning van ruim 2 uren, door sterke inwrijvingen, als het ware tot het leven terug te brengen. Na hen van het nodige te hebben voorzien, heeft kapt. Hansen ze met de sloep te Cuxhaven aan de wal doen brengen en daarop zijn reis voortgezet. De beiden aan een gewisse dood ontrukten, waren de stuurman Wendt, van Altona, en de matroos Johan Ulrich, van Putsfleed, in Hannover, en beiden afkomstig van het op de Elbe van het ijs doorsneden en gezonken Hannoverse galjootschip PEGASUS, kapt. J. Hauschildt, met gerst van de Elbe naar Yarmouth, waarbij de kapitein, een matroos en een jongen het leven hadden verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 januari. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip BRAVO, kapt. Van Ommeren, de 7e dezer uit Hellevoetsluis, en de MINERVA, kapt. Cordia, de 8e dezer uit Hamburg te Cardiff aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 januari. Aan een tot ons gericht verzoek voldoenende, delen wij mede, dat het schip SOPHIA AMALIA volgens schrijven van kapt. Overklift d.d. 25 november veel zwaar weder te verduren had gehad, doch dat de geleden schade voor een bedrag van 100 dollars zou kunnen hersteld worden. Dus had het schip bij gevolg niet zo veel averij gehad als uit het eerste bericht zou zijn op te maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Het schip GEZIENA, kapt. Krook, van Petersburg naar Leeuwarden bestemd, te Delfzijl binnen, werd volgens bericht van daar gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Volgens brief van kapt. J.C. Drenth, voerende het Nederlandse schip FENNA SCHOLTENS, van Aalborg naar de Firth of Forth, d.d. 6 dezer, was hij, na zwaar stormweer gehad en twee dagen plat op zijde te hebben gelegen, te Yarmouth binnengelopen, zijnde de dichtstbij gelegen haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Volgens telegrafisch bericht van Delfzijl van heden, bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, was aldaar ter rede binnengelopen het schip RENA, kapt. G.J. Hilbers, van Nexöe naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 9 januari. Volgens alhier ontvangen bericht is kapt. A.P. Drenth, voerende de Nederlandse schoener PERSA, bij zijn arrivement van Liverpool te Suriname, met drie man zijner equipage bij het naar wal roeien met de boot omgeslagen en verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 9 januari. Volgens bericht van kapt. Van der Borden, was hij met het barkschip WALCHEREN de 28e oktober van Batavia te Menado aangekomen, hebbende 30 dagen reis. Schip en equipage waren in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 9 januari. De equipage van het in zee verlaten gevonden Pruisische barkschip GEORGE MARCHAND, 't welk onder het bestuur van de strandvonderij was gesteld, is maandagavond te Vlissingen aangekomen, terwijl het schip en de lading door de gezagvoerder gereclameerd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ostende, 9 januari. Het Nederlandse stoomschip HOLYROOD, kapt. Weddell, van Antwerpen naar Leith bestemd, is alhier lek binnengelopen wegens een gebrek aan de machine.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 3 januari. Het schoenerschip ENGELINA, kapt. Heijenga, is heden alhier om orders aangekomen. Het heeft op de reis veel slecht weder doorgestaan. Een gedeelte der verschansingen en enige watervaten waren weggeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam, als lasthebbende van hunne meesters, zullen op dinsdag 29 januari 1867, des middags ten 12 ure, in de zaal op de Scheepmakershaven, wijk 1 no. 499, publiek veilen het extra snelzeilend, gekoperd en kopervast Engelse barkschip CHARLOTTE, of Derby, gevoerd door kapt. Longmaid, volgens Nederlandse meetbrief lang 35 el, hol 4,73 el, wijd 6,39 el, en alzo groot 477 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, en verdere inventaris, zo als hetzelve thans is liggende aan de Westerhaven alhier.
Nog zullen afzonderlijk worden geveild een chronometer van Monyneux & Sons, no. 1633, te bezichtigen bij de heren J.A. Seckel & Zonen op de Hoogstraat, een barometer en een kijker.
Nadere informatiën zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaars.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Jorritsma te Sneek zal, ten verzoeke van den deurwaarder Van Akkeren aldaar, op maandag den 14 januari 1867, des avonds 6 uur, ten huize van Jelle Drijfhout te Woudsend finaal veilen een in beste staat van onderhoud zijnd veerschip, varende in het veer van Woudsend op Leeuwarden vice-versa, met volledige inventaris, waarop geboden is NLG 552. Aanvaarding dadelijk na de finale toewijzing.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een geoctrooieerd beurtschip, varende van Heerenveen op Sneek en Harlingen, met halve beurt, doch het gehele schip, met zeil en treil, en verdere inventaris, liggende voor den wal van den verkoper J.T. Gaastra, aan den Heerenwal, onder Nijehaske, om dadelijk te aanvaarden. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een schip en veer, varende van Franeker op Bolsward. Te bevragen bij E. IJpma te Bolsward.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder C.J. van der Meulen te Sneek zal op dinsdagen de 22 januari 1867 provisioneel en de 29 daaraan volgende finaal, telkens ’s namiddags 2 uur, in de herberg van de weduwe T. Sevensma te Sneek, publiek, tegen contante betaling, veilen en verkopen een zeer hecht betimmerde overdekte praam, groot 15 ton, thans liggende bij de Koemarkt in de Stadsgracht te Sneek, laatst bevaren door Tjeerd Gerbens Huisman, en zulks met zo goed als nieuw zeil en fok, zeilkleed, haak, boom, watervat en verdere inventaris.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een nieuw overdekt tjalkschip, lang 16 el 86 dm. (60 voet), wijd 3 el 66 dm. (13 voet) en hol 1 el 54 dm. (5½ voet). Te bevragen bij de weduwe H. Hoekstra, op Rohel, bij wien tevens, op de 5 maart aanstaande, een scheepstimmerknecht, die zijn werk verstaat, vast werk kan bekomen. Brieven franco.


12 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende schepen, als:
Voor Rotterdam: WILLEM POOLMAN, kapt. A. Hoogenstraten.
Voor Amsterdam: OUDERKERK A/D AMSTEL, kapt. W.A. Dingemans; GUURTJE EN MARIA, kapt. W. Flens; MARIA VERONICA, kapt. J.S. Scholl.
Voor Dordrecht: AEGIDIA EN PAULINE, kapt. P.P. Hooglandt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Het schip TWEELINGEN, kapt. Bruyns, van Amsterdam naar Cardiff, is de 7e dezer te Brixham, Torbay, binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 11 januari. Kapt. De Boer van het Nederlands kofschip MAGRIETHA HENDERIKA, van Tentowan (opm: vermoedelijk Pentewan, positie 50º 17’ NB en 04º 47’ WL) naar Rotterdam, rapporteert dat hij zijn schip, op de hoogte van Monster, gistermiddag lek en met slagzijde heeft te verlaten, doordien hij de passerende Engelse stoomboot OSSIAN om assistentie ging verzoeken, met de aan boord zijnde varensgezellen en sloep uit Maassluis, doch niet meer aan boord van die stoomboot kon, omdat de boot langs zijde aan stukken sloeg en men van de zijde van de stoomboot geen hulp kon verlenen en hem en manschappen ook niet wederom aan boord van de MARGRIETHA HENDRIKA?? kon of wilde zetten. Omtrent de kof met 3 aan boord zijnde matrozen is overigens niets bekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 januari. Het schip RENA, kapt. Hilbers, van Nexöe herwaarts, is, volgens telegram uit Delfzijl, van gisteren, aldaar binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 januari. Het Nederlands schip CORNELIA ADOLFINA, kapt. De Roever, van hier naar Batavia, de 9e dezer in Texel uit zee teruggekomen (zie ons vorig nummer), had bij hevige storm aan de grond geraakt, was echter dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Great Yarmouth, 9 januari. De lading van het schip FENNA SCHOLTENS, kapt. Drenth, alhier van Nykjöbing binnengekomen, is zwaar beschadigd en zal moeten gelost worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 7 januari. Het schip SUSANNA, kapt. Koster, komende van Norden, is op de hoogte van Altenbruch aan de grond geraakt, doch vlot gekomen, naar hier teruggekeerd en in de haven gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij. Plan van geldlening.
Directeuren van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, daartoe gemachtigd door heren deelhebbers, bij besluit van de algemene vergadering op 5 januari 1867, maken bekend, dat er op 14 en 15 januari, te Amsterdam ten kantore van de Associatie-Cassa, te Rotterdam ten kantore van de heren Gebr. Chabot, en te 's Gravenhage een lening, ten laste van deze Maatschappij, groot NLG 500.000, rentende 5 pct. 's jaars en verdeeld in obligaties aan toonder van NLG 1000 en halve obligaties, gemerkt A & B, van NLG 500.
De opbrengst dezer lening zal uitsluitend aangewend worden tot aankoop of aanbouw van stoomschepen.
Elke obligatie zal voorzien zijn van 20 halfjarige coupons, betaalbaar te Amsterdam, Rotterdam en 's Gravenhage, ieder van NLG 25 voor de obligaties van NLG 1000, en van NLG 12,50 voor de halve obligaties van NLG 500, verschijnende 1 april en 1 oktober van ieder jaar.
De eerste coupon zal verschijnen 1 oktober 1867.
De obligaties worden uitgegeven à pari.
De betaling zal moeten geschieden op 1 april, of vroeger in de keuze van de inschrijver, onder korting van 5 pct. rente.
In de laatste week van maart van ieder jaar, te beginnen met maart 1868, zal ten overstaan van een notaris hier ter stede minstens 1/10 gedeelte van de lening bij uitloting ter aflossing worden aangewezen, en de uitbetaling van de alzo uitgelote obligaties vanaf de 1e april daaraanvolgende geschieden à pari zonder enige korting.
De uitslag van de loting zal doormiddel van de dagbladen worden bekend gemaakt.
Directeuren reserveren zich het recht, om telken jare meer dan het verplichte 1/10 gedeelte van de lening uit te loten; met die verstande, dat de gehele lening wel in minder, maar niet in meer dan 10 achtereenvolgende jaren zal mogen worden afgelost.
Als waarborg voor deze lening strekt het geheel zo vast als vlottend materieel van de Maatschappij. Zowel in het welbegrepen belang van de Maatschappij als tot meerdere zekerheid van Obligatiehouders verbindt zich de directie, na voltekening van deze lening geen nieuwe verbintenissen van dien aard aan te gaan vóór en aleer deze lening door aflossing tot op minstens de helft van het uit te gegeven bedrag zal zijn verminderd, en het restant van de lening van 1862 op diezelfde wijze geheel zal zijn afbetaald.
Indien de inschrijvingen de som van NLG 500.000 mochten te boven gaan, zullen zij zo nauwkeurig mogelijk ponds pondsgewijze worden gereduceerd.
Vóór of op de 19e januari 1867 zal aan heren inschrijvers bekend gemaakt worden, of en, zo ja, tot welk bedrag hun inschrijvingen worden aangenomen.
Inlichtende nota's zijn te verkrijgen bij de directie, alsmede aan de kantoren, waar de inschrijvingen geopend worden.
Amsterdam, januari 1867, de directie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notaris A.K. de Koning, residerende te Katwijk, zal op maandag de 14e januari 1867, des voormiddags ten 11 ure, op de bergplaats van de Strandvonderij bij de heer D. Taat, te Katwijk aan Zee, verkopen de overblijfselen van het kofschip, genaamd ANNA, gestrand tussen Katwijk en het Wassenaarse Slag, bestaande uit wrak, masten en tuigage; verder enig wrakhout, zeilen, een geheel nieuwe boot; welk een en ander zich bevindt op gem. bergplaats.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten zal op woensdag 23 januari 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van R. Witkop te Winschoten publiek te koop presenteren het Nederlandse kofschip JOHANNES HERMANUS, groot 101 tonnen. Geklasseerd door Veritas 5.6 2.1. Laatst bevaren door kapt. P. Hoekstra met deszelfs complete inventaris, zoals hetzelve thans is liggende te Amsterdam. Verkoopconditiën en inventaris liggen ter lezing ten kantore van de notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De notaris Van Heijst, standplaats Roden, zal ingevolge beschikking der rechtbank te Assen van 15 december j.l, op dinsdag 15 januari e.k., des avonds om 5 uur, ten huize van kastelein Cazimier te Nietap, gemeente Roden, verkopen de scheepstimmerwerf, genaamd de Drents Helling, gelegen te Nietap, gemeld en behorende tot de onder het voorrecht ener boedelbeschrijving aanvaarde nalatenschap van wijlen Pieter Horsting, in leven scheepsbouwer te Nietap en bestaande uit de behuizing met werf, waarop een grote, in 1862 gebouwde hellingschuur.
Tevens zal worden gepresenteerd een overdekte tjalk genaamd JONGE JACOBUS, groot 49 ton en 2 overdekte snikken. (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een compleet kofschip, groot ca. 70 roggelasten, liggend te Harlingen, bevaren geweest door kapt. D. Blouw. Te bevragen bij Blouw, Heereweg, Groningen.


  JB - Javabode

Batavia, 11 januari. Gisteren is de LADY LOUISE, van wier stranding op de Lucipara wij in ons vorig nummer melding maakten, door de stoomboot MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE behouden ter rede alhier aangebracht. Het schip schijnt weinig letsel bekomen te hebben en moet na de helft van zijn lading in de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE te hebben overgescheept, door genoemde stoomboot op sleeptouw genomen en met grote inspanning weder in vlot water zijn gebracht.


13 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 12 januari. Hedenmiddag strandde bij de Waterweg een galjootschip, waarschijnlijk is het de MARGARETHA HENDRIKA, gevoerd geweest door kapt. Boer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 januari. Het schip PATRIOT, van Hamburg naar Caernarvon, is, tengevolge van nitroglicerine, in de lucht gesprongen (opm: geen Nederlands schip, maar curiositeishalve opgenomen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 januari. Het schip CORNELIA ADOLPHINA, kapt. De Roever, van Amsterdam naar Batavia bestemd, bij Egmond aan de grond geraakt maar dicht gebleven, zal door een duiker worden onderzocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 januari. Het schip MEINSINA, kapt. Klontje, van Bremen naar Rostock, bij de Blexener Hoek (opm: tegenover de Geestemonding) op het strand gehaald, bevorens gemeld, is 10 januari afgebracht en in vlot water geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 januari. Het schip RENSKEA, kapt. Jelten, van Riga naar Leer, is 6 januari te Elseneur binnengelopen; het heeft bij Bornholm door zwaar zeilen, lekkage bekomen en moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 7 januari. Het schip MARIA HELENA, kapt. Teerling, is gisteren te Delfzijl binnengebracht.


14 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

‘s-Gravezande, 12 januari. Heden namiddag omstreeks half twee ure is alhier gestrand het Nederlandse kofschip MAGRIETHA HENDERIKA, kapt. De Boer, met potklei van Pentuan (opm: Pentewan, positie 50º 17’ NB en 04º 47’ WL) naar Rotterdam. De equipage, behalve de kapitein, die laatstleden donderdag op een stoomboot was overgegaan, uit drie man bestaande, is met grote inspanning door middel der alhier gestationeerde reddingsboot der Zuid- Hollandsche Maatschappij tot redding van schipbreukelingen gered en behouden aan wal gebracht. Het schip had onderscheidene dagen zwaar lek en met de noodvlag in top in de Noordzee gekruist, vulde van lieverlee zo zeer met water, dat het door de zeeën niet meer rijzen kon, en dreigde spoedig te zinken, ten gevolge waarvan het op strand is gezet en weg zal zijn. De inventaris wordt geborgen.
De reders, de ontvangers der lading zowel als de assurantiekantoren van schip en lading, zijn hier onbekend. De constructie van de alhier gestationeerde reddingsboot, die onder beheer staat van de burgemeester, de heer L. Pompe van Meerdervoort, is opnieuw gebleken uitmuntend te zijn. Zonder dit vaartuig had de equipage een wisse dood in de golven gevonden. (opm: zie ook PGC 150167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Volgens particuliere tijdingen van de 11e dezer, is op de hoogte van Douvre gepraaid de AEGIDIA EN PAULINE, kapt. Hoogland, van Nieuwediep naar Batavia met 125 militairen, alles wel aan boord. Het schip had in de laatste dagen vreselijke stormen doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 10 januari. Heden is alhier binnengelopen het schip MARIA SOPHIA, kapt. De Wit, van Newcastle naar Palermo bestemd, met verlies van zeilen, verschansingen enz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 1 december. Het Ned. schip JANNETJE, kapt. Van Striemen q.q., van Batavia naar Nederland bestemd, het welk alhier de 23e november lek is binnengelopen, had van 14 tot 18 november, op 17º ZB. en 77º OL. hevige stormen belopen, waarin het boten, verschansingen en zeilen verloren had. Het maakte zo veel water, dat de pompen gaande gehouden moesten worden.


15 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoorn, 13 januari. Volgens een brief, geschreven door een officier der marine, die de te huis reis zal maken met de METALEN KRUIS, ligt deze bodem nog in reparatie bij het eiland Onrust en zal terstond na het arrivement van de bodems WILLEM en LEEUWARDEN, welke in het begin van 1867 verwacht worden, de reis naar het vaderland aannemen. Men zal ook de Kaap de Goede Hoop aandoen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 januari. Heden morgen is van hier vertrokken Zr.Ms. stoomschip SOEMBING, commandant Pfaff, bestemd naar de kust van Guinea, Suriname en Curaçao.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 10 januari. Het schip VROUW ELISABETH, kapt. Top, van Ystad naar Schiedam, is de 5e dezer hier binnengekomen om enige schade te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt ten verzoeke van de scheepsbouwmeester B.B. Drenth op dinsdag 22 januarij 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van logementhouder D.W. Drewes te Oude Pekela in openlijke veiling te verkopen het koftjalkschip HARMINA, groot 54 zeetonnen. In de jaren 1862 nieuw gebouwd, thans liggend in de Apoortengracht te Groningen, met deszelfs inventaris, zoals hetzelve tot dusver is bevaren door H.W. Tunteler. Inventaris ter lezing ten kantore van de notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 11 januari. Het schip CORNELIA ADOLPHINA, kapt. De Roever, van hier naar Batavia, de negende dezer in Texel uit zee teruggekomen, had bij hevige storm de grond geraakt. Het was echter dicht gebleven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 11 januari. Kapt. De Boer, voerende het kofschip MAGRIETHA HENDRIKA, van Pentewan (opm: positie 50º 17’ NB en 04º 47 W’L) naar Rotterdam, rapporteert zijn schip gistermiddag op de hoogte van Monster lek en met slagzijde te hebben verlaten, doordien hij de passerende Engelse stoomboot OSSIAN, van Riga naar Antwerpen om assistentie ging verzoeken. Met zijn aan boord zijnde varensgezellen in een sloep uit Maassluis aan boord van het stoomschip gekomen, kon hij het niet meer verlaten, omdat de boot langszijde aan stukken sloeg, terwijl de equipage der stoomboot geen hulp kon verlenen en men hem, benevens zijn manschappen, ook niet wederom aan boord van de MAGRIETHA HENDRIKA kon of wilde zetten. Omtrent de bedoelde kof met nog drie aan boord zijnde matrozen is overigens niets bekend.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Munnik zal op maandag den 21 januari 1867, ’s avonds 7 uur, ten huize van G. van Terwisga te Joure, in ene zitting, tegen gerede betaling, verkopen:
-          De helft van zeker veer en schip, varende van Joure op Workum en Heerenveen vice-versa, met inventaris, genaamd NOOIT GEDACHT, groot 20 ton, wordende voor deze helft bevaren voor rekening van M.J. Bouma.
-          1/3 van zeker kofschip, groot 18 ton, gebruikt als boterschip door de firma De Vries en Brouwer.
Dadelijk te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee ongehuwde scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen voor een jaar vast werk bekomen, met kost en inwoning, tegen goed loon, bij H.K. Slager, scheepstimmerman te Tjalleberd.


16 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen
In het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 15 januari:
-          de stoomboot, genaamd DEN BOMMEL, om NLG 8700 verkocht.
In de Nieuwe Stads-Herberg te Amsterdam op maandag 14 januari:
-          het brikschip MACHTILDA EN SIMONETTA, kapt. C. Maalsteed, gebouwd in 1864: NLG 29.900, in slag NLG 100, opgehouden.
-          het barkschip FRANS EN ELISE, kapt. T.J. Niedveld, gebouwd in 1855: NLG 25.000, in slag NLG 1600, koper A. Roquette.
-          het barkschip BERNARD EN AGNES, kapt. B. Ordeman, gebouwd in 1848: NLG 15.200, in slag NLG 1600, koper J.F.L. Meijjes (opm: doorverkocht aan J.C. Thormann, Wismar en op 25 juli 1876 als BERNHARD UND AGNES bij Donmouth [bij Aberdeen] gestrand; 12 opvarenden verloren hierbij het leven).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Het schip RENA, kapt. Hilbers, met raapzaad herwaarts, zit volgens telegram uit Delfzijl van heden op de tweede berm in het ijs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 14 januari. Het schip CORNELIA ADOLPHINE, kapt. De Roever, hetwelk bij het uitzeilen nabij Noordwijk gestoten heeft, is door duikers onderzocht en heeft generlei letsel ontvangen. Het zal bij de eerste gunstige gelegenheid de reis weder aannemen. Het schip heeft gestoten op de plaats, waar het schip GEBROEDERS vergaan is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Belfast, 12 januari. Het brikschip LISSABON, van Liverpool naar Malaga bestemd en geladen met steenkolen en machinerie, zit op de Skullmartin rots in een zeer slechte staat.
Een stoomboot is tot assistentie afgezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 13 januari. Heden is alhier binnengelopen met verlies van verschansingen en schade aan de zeilen en tuig het schip LIDA, kapt. Van ‘t Hoff, van Amsterdam naar Suriname.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 10 januari. De stoomboot WILLEM EN CLARA, kapt. Hughes, van Uddevalla naar Londen, is hier lek binnengelopen. Zij heeft bij Smogen gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 11 januari. Het kofschip RENSKEA, kapt. Jelten, van Libau naar Leer, is de 6e dezer lek hier binnengelopen. Het heeft de lading zaailijnzaad gelost, waarvan de onderste laag beschadigd is bevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Genua, 12 januari. Het stoomschip JASON, komende van Amsterdam, is heden hier binnengelopen. Het heeft bij Kaap St. Vincent zware stormen doorgestaan. 91 collis, waaronder 70 vaten suiker, zijn over boord geworpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triest, 10 januari. Het schip LIBRA, kapt. Klein, ,t welk de 1e dezer uit Vardoe te Livorno aangekomen was, heeft veel schade op de reis bekomen. De 7e dezer was het nog niet bekend, hoe groot de schade aan de lading zou zijn, daar men op die dag bezig was met het lossen.


17 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 15 januari. Te Rendsburg overwintert het Nederlandse schip TJAKINA DE BOER, kapt. Dost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op dinsdag 22 januari 1867, ‘s morgens ten 10 ure, op de Bouwmanswoning Vlugtenburg, te ,s Gravesande, van het hol of casco van het aan de Hoek van Holland te ‘s Gravesande gestrande kofschip MAGRIETA HENDERIKA, het zich nog daarop bevindend of van hetzelve geborgen staand en lopend want, zeilen, wrakhout, rondhout, beschadigde boot, enz., benevens p. m. 200 vaten zich nog in het wrak bevindende of daaruit alsnog te bergen potklei of pijpaarde, en hetgeen verder ter verkoop zal worden aangeboden.
Nadere inlichtingen te bekomen ten kantore van de notaris Mr. J. P. de Fremery, te ‘s Gravesande. Brieven franco.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Daam, makelaar, zal op maandag de 4e februari 1867, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de deurwaarder B. D. Beets, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, presenteren te verkopen het uitmuntend gebouwd, extra snelzeilend, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd NAGASAKI, gevoerd door kapt. A.F.A. Hörner, volgens Nederlandse meetbrief lang 28 ellen 90 duimen, wijd 5 ellen 53 duimen, hol 3 ellen 88 duimen, en alzo gemeten op 276 tonnen of 146 lasten.
Liggende in het Oosterdok, aan de Dijk, te Amsterdam.
Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar of bij de cargadoors Van Tubergen & Daam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding, ten verzoeke van Hinderika Woltkamp, vrouw van Roelf Berends de Jonge, varensgezel doch thans afwezig:
-          Aangezien de gedaagde op 31 oktober 1854 met de Groninger loodsboot No. 1, gevoerd wordende door kapt. Willem Hendriks de Boer, van Groningen is vertrokken en op 2 november daaropvolgend in zee is gegaan en de daarop volgende nacht door de toen plaats gehad hebbende storm is overvallen.
-          Aangezien sedert die tijd er van geen der manschappen van genoemde loodsboot enig bericht is ingekomen, zodat met reden verondersteld kan worden, dat allen in die nacht met de loodsboot No. 1 zijn vergaan.
Om van zijn in leven zijn te doen blijken. (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie, Mr. A.J. De Sitter, notaris te Winschoten, gedenkt op dinsdag 22 januarij 1867, des avonds om 6 uur, ten huize van logementhouder J.A. Ruibing te Winschoten, ten verzoeke van de rederij, publiek te verkopen het in 1849 gebouwde, op 102 zeetonnen gemeten kofschip HARMONIE, vroeger bevaren door nu wijlen kapt. J. Dik, laatst door kapt. E.H. Cremer, zo als het zelve thans is liggende te Harlingen, met opgoed en toebehoren, waarvan de inventaris ter lezing ligt ten kantore van de boekhouder, de heren D. Mulder & Zn. te Winschoten, ten kantore van de notaris en ten huize van verkoop.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. M.R.A. De Marees van Swinderen, notaris te Ezinge, zal op dinsdag 29 januari 1867, des avonds te 5 uur, ten huize van de Wed. Rasker op de Hoek van het Ameland te Groningen publiek verkopen het snelzeilend schoenerschip de WESTERKWARTIER, groot 166 ton. Geklasseerd bij Veritas V. 6.6 1.1, met inventaris, zoals het thans ligt in de haven van Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 16 januari. Door de sedert gisteravond voortdurende hevige sneeuwjacht is de scheepvaart op het Reitdiep gestremd. Te Zoutkamp liggen in de haven de volgende schepen: ANDREAS EN MARIA, kapt. Slik, PIETERTJE, kapt. Kramer, CHRISTINA, kapt. Oltmans, ROELFINA JOHANNA, kapt. Drewes, ANTOINETTE, kapt. Christoffer, en EENDRAGT, kapt. Vuursteen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Katwijk aan Zee. 12 Jan.Het wrak met een gedeelte van de inventaris van het gestrande schip ANNA, kapitein Huberth, is op het strand geslagen en geborgen. Op Wassenaars grondgebied is aangedreven een grote zeilsloep, aan de voorsteven met een witte neus en van binnen groen geschilderd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

‘s-Gravezande, 12 januari. Hedennamiddag omstreeks half twee uur is alhier gestrand het schip MAGRIETHA HENDERIKA, kapt. De Boer, van Pentewan (opm: positie 50º 17 ‘B en 04º 47’ WL) met potklei naar Rotterdam. De equipage, behalve de kapitein, die l.l donderdag op een stoomboot was overgegaan, uit drie man bestaande is met grote inspanning door middel der alhier gestationeerde reddingboot der Zuid-Hollandse maatschappij enz. geheel gered en behouden aan wal gebracht. Het schip onderscheidene dagen, zwaar lek en met de noodvlag in top in de Noordzee gekruist, vulde van lieverlee zozeer met water, dat het door de zeeen niet meer rijzen kon en dreigde te zullen zinken, tengevolge waarvan het op het strand is gezet. De inventaris wordt geborgen.


18 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 januari. Volgens telegram uit Portsmouth van heden was de schade aan het Nederlandse schip LIDA, kapt. Van ’t Hoff, van hier naar Suriname, aldaar binnengelopen, van weinig betekenis geweest en had het de 15e dezer de reis vervolgd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Friese hektjalk, groot 83 ton, met een beste complete inventaris. Te bevragen bij A.R. van der Zee te Gorredijk en liggende aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een in 1857 nieuw gebouwd hecht en best hektjalkschip, groot 30 ton, met complete inventaris, bij Jan S. Altena te Warga.


19 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Uit Vlissingen meldt men, dat de stoomboot STAD VLISSINGEN No.1 gisteren met goed gevolg gelicht is. Er zijn timmerlieden heen gezonden om het lek voorlopig dicht te maken. Men vleit zich, dat de boot nog heden te Vlissingen zal aankomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 18 januari. Een alhier ontvangen telegram uit Oostmahorn meldt dat het schip de JONGE ALBERT, kapt. Kwint, de 14de dezer in zee is gekomen en dat ook de andere schepen de volgende dag naar zee zijn gezeild, zodat in Oostmahorn geen schepen meer liggen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. In het laatst van deze of in het begin van volgende maand zal publiek verkocht worden het tjalkschip genaamd TWEE GEZUSTERS, groot 103 binnenlandse tonnen, bevaren door wijlen D. Veling, met complete inventaris, gebouwd in 1866 op de werf van E & C. Maathuis te Sappemeer, thans liggende in het Oosterdiep te Wildervank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl zal ten verzoeke van de Wed. S.M. De Vries en ten huize van de waarman (opm: sluismeester) Borst te Delfzijl op dinsdag 29 januari 1867, des avonds te 6 uur, publiek verkopen het in den jare 1856 nieuw uitgehaalde tjalkschip de VIJF KINDEREN, groot 30 tonnen, met opgoed en toebehoren, liggend bij de werf Concordia, onder Farmsum.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. W.A. Offerhaus, notaris te Nieuwolda, zal op dinsdag 22 januari 1867, des middags te 4 uur, ten huize van kastelein T.J. Dik te Termunterzijl publiek worden verkocht; het Nederlandse galjootschip CONCORDIA, gebouwd in 1853, groot 114 zeetonnen of 60 lasten. Geklasseerd door Veritas 5.6 1.1. Thans liggende in de haven van Termunterzijl, met deszelfs inventaris.


20 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Het schip HILKE ALBERDINA, kapt. De Vries, van Dantzig naar Havre, te Pillau binnen, heeft de 15e dezer de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Volgens particulier bericht van kapt. P. van Delft, voerende het schip JOHANNES LODEWIJK, van Rotterdam naar Melbourne, d.d. 16 dezer ’s middags 4 ure, was hij alstoen op de hoogte van Wight, de wind NNO. Aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dysart, 12 januari, Men is bezig om de lading uit het schip EGBERTUS, kapt. Schrik, van Randers naar Newcastle bestemd, en hetwelk de 8e dezer tussen Oost en West Wemyss (opm: positie 56º 09 N’B en 03º 04’5” L) is gestrand, te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 17 januari., Het schip MARIA LOUISE, kapt. Strüve, van hier naar Haïti, is de 14e dezer uit zee teruggekomen en op Medemsand (opm: ter hoogte van Otterndorf) op strand geraakt.


21 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 18 januari. Ontvingen de alhier woonachtig zijnde schippers P.J. en W. Kasteleyn, benevens C. van den Klooster, in december jl., vanwege de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot- Maatschappij, gevestigd te Amsterdam, een zilveren tabaksdoos met toepasselijke inscriptie en een gratificatie van NLG 20,- voor de met levensgevaar volbrachte redding der equipage van het op de 27e november jl. (opm: 1866) op de Ooster gestrande stoomschip CORNELIA, kapt. Hendriks, heden overhandigde de burgemeester aan ieder der gemelde schippers met een toepasselijke aanspraak de bij Koninklijk Besluit ingestelde zilveren medaille en het daarbij behorende getuigschrift, voor redding van schipbreukelingen uit te reiken. Die plechtigheid geschiedde in tegenwoordigheid van het gemeentebestuur en de mede-eigenaren van het door de burgemeester en anderen aangeschafte vaartuig, tot redding van personen en goederen, genaamd : DE ONDERNEMING VAN OUDDORP.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. A. Schröder, makelaar, zal op maandag de 18e februari 1867 te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de deurwaarder B. D. Beets, verkopen een extra ordinair welbezeild gekoperd, in 1854 gebouwd brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd JOHANNA, gevoerd door kapt. A. Ouwehand, volgens Nederlandse meetbrief lang 30 el 10 duim, wijd 5 el 35 duim, hol 3 el 66 duim, en alzo gemeten op 262 tonnen of 168 lasten.
Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar.


22 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 januari. Het schip HOLLAND, kapt. Grönbeck, van Batavia naar Amsterdam, is, volgens telegrafisch bericht van Lissabon van 20 januari, aldaar lek, met schade aan de lading, aan de grote mast, roer, zeilen, enz., binnengelopen, Het moest 3 dagen quarantaine liggen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 18 januari. Het schip PIENA, kapt. Hilbers, van Nexoe naar Amsterdam, alhier in het ijs geraakt, is, weder af en alhier binnengebracht. (opm: vermoedelijk buitenlander)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Volgens brief uit Mauritius, d.d. 18 december, hadden de reparatiekosten van het Nederlandse schip STAD ASSEN, kapt. Boer, van Batavia herwaarts, lek aldaar binnengelopen. $ 17.237,68 bedragen, waarvoor 1372 balen koffie en 33 kranjangs suiker beschadigd verkocht waren voor $ 21.461,40. Het had de 11e december de reis voortgezet .


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. De lading van het Nederlandse schip JANNETJE, kapt. Van Striemen, qq., van Batavia naar Nederland, lek aldaar binnengelopen, was gelost, en gedeeltelijk beschadigd bevonden. Het zou op de helling gehaald worden om opnieuw gekoperd te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Volgens brief uit Stettin d.d. 19 dezer, is in de nabijheid van Colberg (opm: Kolobzreg) een Nederlands kofschip met gerst (opm: de kof HILKE ALBERDINA, kapt. A. de Vries) gezonken. Drie lijken zijn aangespoeld, waarvan een vrouwelijk, bij welk laatste een trouwring gevonden is, waarop aan de binnenzijde: Andreas de Vries 1863, op de gouden oorringen de letters M.B.1860, en op een der armen dezelfde letters. Op de arm van een der mannelijke lijken stonden de letters F.B. (opm: zie NRC 260167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Volgens brief van kapt. Van der Zee, voerende het Nederlandse schip GERRETDINA WILHELMINA, van hier naar Padang, was hij de 19e dezer met noordenwind en goed weder op de hoogte van Douvres. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 19 januari. Gisteren is uit deze haven vertrokken de Nederlandse galjoot FRANÇOIS, kapt. ‘t Hart, en heden de Nederlandse schepen ADRIANA WILHELMINA, kapt. Van Eyk, CLEMENS, kapt. De Kloe, en TWEE GEBROEDERS, kapt. Persoon, alle vier naar Engeland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinsale, 16 januari. Onder de klippen bij Bull’s Cove (baai van Clonakilty) werden op 8 dezer gevonden de overblijfselen van een wrak, naar men vermoedt dat van een schoener, van circa 300 tonnen, met fruit of suiker geladen. Bij de plaats der stranding (Galley Head) vond men de perkamenten omslag van een cargaboek, afkomstig van het schip ST. HELENA, kapt. Springer, gedateerd Callao 1861, een stukje hout, waarop ingebrand: P. Loopuyt & Co., en een wit linnen zakdoek, gemerkt E. Villmar Nº. 12. Het wrakhout is in veiling voor sh.12 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 11 januari. De Nederlandse schoener BROEDERTROUW, kapt. Vos, van hier naar Antwerpen vertrokken, is wegens slecht weder uit zee teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Groningen 18 januari 1867. Heden overleed mijn teerbeminde enige zoon Johannes Gerardus, na voorzien te zijn met de H.H. sacramenten der stervenden, in de ouderdom van ruim 29 jaren.
J.H. Steffens, oud scheepskapitein.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Herhaling verkoop THECLA MARIA uitgesteld . Nieuwe datum 30 januari 1867. Genoemd schip ligt te Amsterdam aan de werf de Zwarte Raaf van de heren E.J. Bok, zijnde nadere informatiën te bekomen bij de heren Veen & Kolie, cargadoors te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop door sterfgeval het in 1865 zeer soliede gebouwde kopervast en gekoperde snelzeilend driemast schoenerschip genaamd VEENDAM, met deszelfs complete inventaris, groot 205 zeetonnen, gevoerd door nu wijlen kapt. B.A. Hazewinkel, hebbende de eerste klasse bij de Nederlandsche Vereeniging van Assuradeuren en Veritas met een kruis, liggend te Antwerpen. Adres in persoon of met franco brieven bij de heren I.A. Hooites te Hoogezand en E.A. Doewes te Veendam. (opm: onderweg van Buenos Aires naar Nederland overleed kapitein Berend Abraham Hazewinkel op zee op 24 oktober 1866; hij kreeg een zeemansgraf)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Wegens verandering van affaire uit de hand te koop het welonderhouden schoenerkofschip CHRISTINA JANTINA, groot 118 zeetonnen, uitgehaald in 1850, liggend te Dordrecht. Te bevragen bij de eigenaar met franco brieven, kapt. J.R. Dood te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 18 januari. Het galjootschip RENA, kapt. Hilbers, van Nebo met raapzaad naar Amsterdam of de Zaan, is hier na in het ijs bezet te zijn geraakt door de zware ijsgang op het Steenen Hoofd No. 2 gedreven. Met veel moeite en krachtinspanning is het echter mogen gelukken die bodem weder af te brengen en behouden in de haven te brengen.
Een schoener, met ballast naar Leer bestemd, zit vast in het ijs.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 17 januari. Volgens telegram uit Porsmouth van heden was de schade aan het schip LIDA, kapt. Van ‘t Hoff, van hier naar Suriname, aldaar binnengelopen, van weinig betekenis geweest en had het op de vijftiende dezer de reis vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 17 januari. Volgens telegram uit Napels d.d. 13 dezer, had die nacht aldaar een verschrikkelijke orkaan gewoed, waarin 20 koopvaardijschepen verongelukt zijn. Meer anderen verkeren in gevaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 18 januari. Het schip LOUISA, kapt. Bonjer, van hier naar Sourabaya, is volgens telegram van het Nieuwe Diep aldaar gearriveerd en ligt aldaar in de buitenhaven, Het heeft veel ijs in het kanaal ontmoet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 19 januari. Door Job van der Hoeven en Jan van der Hoeven, schippers van de vissloepen JONGE JAN HOLLAND en TWEE GEZUSTERS, is bezuiden Texel gered en hier aangebracht de bemanning van een Deense schoener, welk schip lek was gesprongen. Kort nadat het verlaten was, had men het zien zinken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dysart,12 januari. Men is bezig de lading te lossen van het schip EGBERTUS, kapt. Schrik, van Randers naar Newcastle, dat op 8 dezer tussen Oost en West Wemyss is gestrand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 januari. Volgens brief van kapt. Van Herwerden, voerende het schip WILHELMINA EN CLARA, d.d 15 dezer van Texel naar Batavia vertrokken, was hij de volgende dag des morgens om 10 uur bij Dungeness, met N.O. wind zeilende. Schip, equipage, passagiers en militairen in goede staat.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. H. de Koe, kandidaat notaris en deurwaarder te Lemmer, zal zaterdag 26 januari 1867, ten huize van den logementhouder Adema, in het Posthuis aldaar, publiek, in ene zitting verkopen een overdekt jacht, groot 18 ton, zoals dat thans is liggende te Lemmer, met zeil, treil, inventaris en aanbehoren, laatst bevaren door wijlen Hendrik Hollander en echtgenote. Gebouwd te Blokzijl. Dadelijk te aanvaarden.


23 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. De schepen ISIS, kapt. Torley Duwell, de 23e november uit Soerabaija naar Passaroeang vertrokken, CORNELIS ANTONIE, kapt. Bouten, en KONING WILLEM III, kapt. Vellinga, zijn gestrand en verbrijzeld. De ladingen zijn verloren doch de equipagiën zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. Door een vriendelijke hand wordt ons aangaande bovenstaande schipbreuken nog het volgende medegedeeld:
Het schip ISIS, kapt. Torley Duwell, had volgens brief uit Soerabaija, in dato 22 november, ingenomen 4000 picols suiker, en zou de volgende dag verzeilen naar Passaroean ter completering. Volgens telegram is het schip de 23e december verongelukt. Het is dus te vrezen, dat het schip op de reis van Passaroeang vergaan is met een volle lading.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. Volgens een telegrafische dépêche, bij de rederij gisteren avond ontvangen, dato Point de Galle 10 januari, was het barkschip KONING WILLEM III, kapt. Vellinga, op Anambas (opm: eilandengroep ten oosten van Malakka) totaal verongelukt. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 14 januari. Het schip de DRIE GEZUSTERS, kapt. Breeland, van Norrkjöbing naar Littlehampton bestemd, enige tijd geleden alhier lek binnengelopen, heeft gerepareerd zonder te lossen, doch wegens tegenwind alhier opgehouden om te kunnen uitzeilen, is de lading zodanig verhit geworden dat het nu dezelve moet lossen.


  JB - Javabode

Bij een schrijven dd. 14 januari jl. aan de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij, wordt door haar agent te Muntok het navolgende meegedeeld:
De 10e dezer strandde des morgens om 10 uur op de Karang Hadjie het Engelse barkschip CONHEATH, van Singapore naar Liverpool bestemd, beladen met bambier, koffie, sago, huiden en tin. Van de lading zal misschien, als de wind en het weer het toelaten, nog iets te bergen zijn. De 11e werd het door het volk verlaten en ben ik met kapt. Rietschoten niet zonder gevaar door de branding rondom naar het gestrande schip gegaan, om nog enige artikelen van waarde te bergen, het was moeilijk buiten de klippen door aan boord te komen. Zr.Ms. brik PYLADES vertrok mede derwaarts, met de gezagvoerder van het gestrande schip, om het af te tuigen. Zoals ik gisterenavond hoorde, toen ik aan boord van de PYLADES was, is met hoog tij reeds 4 voet water in de kajuit. Het schip zit west ten zuid van de vuurtoren van Tandjong Kalean.


24 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia en Soerabaija, het Nederlands gekoperd nieuw gebouwd klipper-barkschip HOLLANDS TROUW, kapt. K. J. Brauer.
Dit schip is extra op de zeilage gebouwd tot het doen van vlugge zeereizen en heeft zeer goede inrichtingen tot de overvoer van passagiers.
Voor vracht enz. adressere men zich ten kantore van Vroege & De Wijs, cargadoors. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het Nederlands schip ZORG EN VLIJT, kapt. Mulder, van Nantes naar Rotterdam, is, volgens telegram uit Londen van gisteren, bijna vol water te Porthleven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het Nederlands schip CORNELIA, kapt. Croese, van hier naar Batavia, was de 19e dezer met gunstige wind op de hoogte van Teignmouth zeilende. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het Nederlands schip ADRIANA JOHANNA, kapt. De Vries, is de 9e december van hier te Buenos- Ayres gearriveerd. Het had veel stormweer doorgestaan en er was een man over boord geslagen en verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Rotterdam – Singapore en Hongkong. Het nieuw gebouwde clipper-barkschip JOHANNA ANTONIA, kapt. G.L.H. Withoff, 3/3 L. 1.1. (opm: waarschijnlijk de klasse van Bureau Veritas), vertrekt begin februari. Adres bij de cargadoors P.A. van Es & Co. te Rotterdam en De Coningh & Co. te Amsterdam (opm: eerste reis)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Donderdag 31 januari 1867, des avonds om 7 uur, zal ten huize van Mejufvrouw de Wed. Rasker aan de Noorderhaven te Groningen publiek worden verkocht een overdekt tjalkschip met toebehoren, genaamd VROUW JANNA, groot 47 ton, thans liggend bij de Poelepoortbrug alhier, wordende bevaren door R.H. Schuur.
Van Starkenborgh, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Donderdag 31 januari 1867, des avonds te 7 uur, ten huize van Mejufvrouw de Wed. Rasker, aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht een overdekt tjalkschip, met toebehoren, genaamd BROEDERLIEFDE, groot 61 ton, in 1861 nieuw gebouwd, liggende aan de Groentemarkt, tussen de Ebbinge en de Maagdenboog alhier, laatst bevaren en in eigendom behorende aan B. Steffens.


25 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 23 januari. De bij Borssele gezonken geweest zijnde stoomboot STAD VLISSINGEN Nº.1, is gisteren avond zwaar beschadigd in de haven alhier gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 22 januari. Het schip ZORG EN VLIJT, kapt. J.B. Mulder, van Nantes naar Rotterdam bestemd, is gisteren avond in Porthleven in een zinkende staat binnengelopen (zie ons nº. van gisteren onder Amsterdam). De vorige dag had het schip verscheidene zware zeeën over gehad, waardoor de stuurman over boord was geslagen, het stuurrad weg nam, het spant van de achterspiegel ontzette en meer andere schade berokkende. Het schip was met veel moeite binnen het hoofd gehaald, waarna het kort daarna is gezonken. Men is bezig de lading tarwe in een zwaar beschadigde staat te lossen. (opm: schip later gelicht, afgekeurd, gerepareerd en naar Engeland verkocht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triest, 18 januari. Volgens een telegram uit Napels, gedateerd op gisteren, zijn de Nederlandse schepen CHRISTINA en PAULUS MEINTZ gered, doch hebben beide zware averij bekomen. Beiden waren met suiker beladen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 27 december. Het Nederlandse schip CONCURRENT, kapt. Ouwehand, van Batavia naar Rotterdam bestemd, ‘t welk de 21e dezer alhier is binnengelopen, heeft de 18e en 19e november op 30º ZB. en 43º OL. alsmede de 3e dezer op 36º ZB. en 19º OL. en de 6e dezer hevig zwaar storm weder belopen, waarin het schip schrikkelijk door de zee gewerkt heeft en veel water maakte. Het heeft het voormarszeil en de fokkera daarbij verloren. Het is nagezien en bevonden dat het één duim water per uur, toen het ter anker lag, maakte, en op nieuw gekalefaat moet worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 27 december. Het schip BULGERSTEIN, kapt. Geerling, van Batavia naar Rotterdam bestemd, ‘t welk alhier de 23e dezer is binnengelopen, heeft anker en ketting verloren, doch is daarvan wederom voorzien geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 december. Zoals wij vroeger vermeld hebben, lagen twee Nederlandse schepen in Algoa-baai voor anker, namelijk de WILHELMINA JOHANNA en de CHRISTINA MARIA.
Het eerste is geabandonneerd en op 24 november j.l. publiek verkocht. Het hol of casco bracht GBP 325 op en de boten, sparren, masten, ankers en het staand en lopend want gingen voor ruim GBP 600 (Zie ons nummer van 21 dezer onder Port-Elisabeth). Van de beschadigde lading bestaande uit koffie en suiker werden op 14 en 19 november een partij verkocht, terwijl de E. SHAN te Port Elisabeth is gecharterd om de resterende lading naar Rotterdam over te brengen.
Van de CHRISTINA MARIA werd op 17 november mede een hoeveelheid balen beschadigde koffie verkocht, terwijl de brik nu grote reparatiën ondergaat, welke omtrent GBP 2000 zullen kosten. Dit schip zal onder andere nieuwe masten krijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 december. Op 8 dezer zijn twee schepen binnengelopen, t.w.
In Tafelbaai: Zr.Ms. schroefstoomboot VESUVIUS om steenkolen in te nemen. Zij is op 9 september van Hellevoetsluis vertrokken, en heeft op reis Margate aangedaan. Heden of morgen zal het vaartuig de reis naar Java voortzetten.
In Simonsbaai het barkschip JACOBUS MARTINUS, 391 ton, kapt. Meppelder, op 19 oktober jl. van Batavia vertrokken, bestemd naar Schiedam met een lading suiker en koffie. Het had de 17e op 30º 20` ZB en 44º 52` OL zwaar weder ondervonden, waarbij zij de verschansing verloor en de grote mast gebroken werd, welke door een nieuwe zal moeten worden vervangen, waardoor van de lading zal worden gelost. Zij praaide op de hoogte van Recife de Nederlandse bark CONCURRENT, van Vancouvers baai, 30 dagen uit, alles was daar wel aan boord.
Eindelijk is op de 17e dezer in Tafelbaai aangekomen de bark BROUWERSHAVEN, 599 ton, kapt. Huizer, van Padang vertrokken op 31 oktober met bestemming naar Rotterdam, om water in te nemen. Reeds heden zou dit schip de reis vervolgen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een wel onderhouden en in beste staat overdekt tjalkscheepje, groot 25 ton, met inventaris, alsmede een nieuwe en sterk opgeboeide praam, groot plus minus 11 ton, liggende aan de scheepstimmerwerf van en te bevragen bij H. Schotsman te Workum.


26 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 januari. Volgens brief van kapt. Diepering, voerende het Nederlandse schip INDIA PACKET, de 27e december van Batavia te St. Helena gearriveerd, had hij de 15e november, op 19º ZB en 76º OL een hevige orkaan doorgestaan, welke 16 uren achtereen aanhield, die een gedeelte der stuurboordverschansing, benevens de kluiverboom en verschillende zeilen stuk sloeg en waarin twee sloepen, onderscheidene watervaten, de kippen-, varkens- en geitenhokken met het daarin geborgen vee verloren zijn geraakt.
Het schip had twee uren op zijde gelegen, waardoor verschillende voorwerpen van dek zijn gespoeld en er veel water bij de pomp kwam. Echter bevond men, na rijzing, dat het schip dicht was gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 januari. Het schip RENA, kapt. Hilbers, van Nexoe herwaarts, te Delfzijl binnengebracht, na in het ijs te hebben gezeten, bevorens gemeld, moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Neuzen, 23 januari. De Nederlandse kof ZEPHYR, kapt. Pekelder, met zaad van Riga naar Antwerpen bestemd, alhier als bijlegger binnen geweest, heeft een matroos ten gevolge van op zee bekomen kwetsuren aan wal gelaten en is vervolgens naar Antwerpen opgesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wexford, 24 januari. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARIE EUGENIE, van Liverpool naar Nantes bestemd, op de hoogte van Killmore gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 21 januari. Het bij Colberg gezonken kofschip is vermoedelijk de HILKE ALBERDINA, kapt. De Vries, de 14e dezer met gerst van hier naar Havre vertrokken. De drie aangedreven lijken, twee mannelijke en een vrouwelijke, zijn waarschijnlijk van dat schip afkomstig, daar kapt. De Vries zijn vrouw aan boord had. (opm: zie NRC 220167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Genua, 21 januari. Het stoomschip JASON, kapt. Haack, ‘t welk alhier de 11e dezer is aangekomen, bevorens gemeld, heeft 77 vaten suiker, 25 kisten kaas, 4 kisten likeuren, 4 okshoofden wijn en 1 baal tabak over boord geworpen. De 18e dezer is het begonnen te lossen. De suiker, welke de volgende dag aan land gebracht is, was zeer zwaar beschadigd, doch het geen heden alhier aangebracht is, was minder beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 december. Het Soerabaijasch Handelsblad meldt van 4 december :
De stoom-sleepbootdienst naar en van de rede van Soerabaya is geopend.
De ESTAFETTE, kapt. C. J. Oepkes, is het eerste vaartuig geweest, dat met behulp van de stoomsleper onze rede verlaten heeft. Zondagmorgen omstreeks kwartier voor tienen kwam de ARDJOENO, kapt. Winter, na eerst de rede te hebben rondgestoomd, op zijde van de ESTAFETTE, en stoomde met haar tussen de verschillende schepen door, de rede af. Waar zij passeerden, werd met de vlag gesalueerd, terwijl de bemanning, die overal op het dek verenigd was, door luide toejuichingen het vaartuig een goed succes wenste. In de tijd van vier uren was Oedong Pangka bereikt, en daarmede de eerste tocht gelukkig volbracht. De ARDJOENO heeft uitmuntend voldaan en blijken gegeven, van volkomen aan het doel te beantwoorden. Wij wensen de scheepvaart geluk met deze sleepbootdienst, waardoor de gezagvoerders niet langer genoodzaakt zullen zijn voor de ingang der straat te kruisen of, van de rede komende, uren lang op te werken tegen de sterke stroom. Wij twijfelen dan ook niet, of bij enige bekendheid zal weldra een uitgebreid gebruik worden gemaakt van deze dienst. Een dag op de reis gespaard is een aanzienlijke bezuiniging op de kosten en kan ruimschoots tegen het sleeploon opwegen. Wij vernemen nog, dat gisteren de COUNTY OF BUTE, kapt. Battersby met even goed gevolg van de rede gesleept is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 december. Vrachten. Nederlandse vlag. De ESTAFETTE bedong NLG 35 en 40 voor suiker en NLG 40 voor koffij, te Samarang en Soerabaya te laden. De DELFT NLG 43,50 voor suiker, te Plawangan te laden. De G. P. SERVATIUS is tot NLG 40 voor suiker en thee, en REGINA MARIS tot NLG 40 voor suiker en koffij opgenomen. De BEZOEKIE laadt voor reders rekening. De ELISABETH accepteerde GBP 1.1/6 voor suiker naar Melbourne en de BURGEMEESTER HOFFMAN 38 $ cents per picol oliekoeken naar Amoy.
Ter bevrachting blijven de Nederlandse schepen TERNATE, MAASSLUIS, MARIA, TJILINGSIE, PHILIPS VAN MARNIX, LICHTSTRAAL, NIEUWE WATERWEG, ALBLASSERWAARD, LANDBOUW, KONING WILLEM II, KANAGAWA en QUINTET.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 29 december. Het schip (opm: bark) CORNELIS ANTHONIE, kapt. A.E. Bouten, van Sourabaya naar de kust vertrokken, is gestrand en verbrijzeld, De lading weg, de equipage is gered.


27 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn te Dordrecht op zaterdag 26 januari: barkschip JANNETTE EN CORNELIA, kapt. Romijn, groot 256 gemeten lasten: om NLG 16.000 gekocht door de heer G. van de Vreden te Terneuzen. (opm: mogelijk voor sloop gezien geringe opbrengst. Het schip was gebouwd in 1848)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Volgens brief uit Livorno d.d. 21 dezer, was op Avenza (opm: positie 44º 02’ NB en 10º 03 O’L) een schip met man en muis verongelukt, dat men veronderstelde te zijn het Nederlandse galjootschip MARTHA, kapt. J.J. Scherpbier, van Engeland met steenkolen naar Livorno. (opm: zie NRC 290167; de Nederlandse Consul Generaal bevestigt op 23 januari 1867, dat kapitein Jacob Scherpbier en zijn gehele bemanning zijn omgekomen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Het Nederlandse schip ZAANSTROOM, kapt. Driest, van Batavia herwaarts, de 12e dezer Dungeness gepasseerd, is, volgens telegram uit Falmouth van heden, aldaar lek, met verlies van roer, verschansingen, zeilen, boten, enz. binnengelopen, hebbende zware storm doorgestaan.


29 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 januari. Volgens particulier bericht is het Nederlandse schip CATHARINA WILHELMINA, kapt. De Boer heden met zware schade en overboord geworpen lading in de rivier Shannon (Limerick) binnengelopen, hebbende hevige stormen doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 januari. Volgens telegrafisch bericht is te Vlissingen binnengekomen het Nederlandse barkschip BURGEMEESTER VAN MIDDELBURG, kapt. Hoek, van Banjoewangie naar Middelburg (vertr. 11 september), en het Nederlandsbarkschip TAGAL, kapt. Göbel, van Batavia, laatst van Portsmouth, naar Dordrecht als bijlegger.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Het schip AIKEA, kapt. Dijk, is volgens bericht uit Emden van 24 januari, de vorige nacht, bij de Knock ten anker liggende, door ijsgang zwaar lek geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Het schip HERSTELLING, kapt. Panjer, van Friedericia naar Rugenwalde, is de 23e dezer ter rede van Heiligenhafen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. De 15e dezer is aan het strand onder de gemeente Schoorl aangespoeld een wrak, zijnde een gedeelte van een spiegel, waarop is gevonden een groen geverfd bord met vergulde rand, waarop vastgespijkerd de letters H.R., groen geverfd en verguld afgezet, alsmede een groen naambord, waarop met uitgehouwen en vergulde letters MARIA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Het Nederlandse schip BESTEVAÊR, kapt. P.C. Rosier, gisteren van Batavia in Texel binnengekomen, is de 6e januari jl. op 42º 36` NB en 24º 14` WL door een orkaan overvallen, waardoor het schip plat op zijde werd geworpen, en schade bekwam aan verschansingen, zeilen en touwwerk. Het schip is dicht gebleven, doch door de aanmerkelijke slagzijde is het mogelijk, dat er schade aan de lading is gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Het stoomschip JASON werd te Livorno van Genua verwacht, en zou zware schade moeten hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Volgens brief uit Livorno, had het verongelukken van het Nederlandse schip MARTHA, kapt. J. J. Scherpbier, van Newcastle met steenkolen naar Livorno, zich bevestigd. Het schip was totaal verbrijzeld. (opm: zie NRC 270167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 27 januari. Het Nederlandse schip NOORD- BRABANT, kapt. Loos, is alhier van Batavia gearriveerd met gebroken roer. Men had ook een gedeelte der lading overboord moeten werpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 27 januari. Het schip ARIA EN BETSY, kapt. H.J. Haverbult, is mede alhier van Batavia aangekomen met gebroken roer en meer andere zeeschade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 26 januari. Volgens telegrafisch bericht is heden te Liverpool gearriveerd het schip SUSANNA EN ELISABETH, kapt. Van der Heyde, alles wel aan boord. De kapitein rapporteert dat hij, na het doorstaan van hevige Z.O. stormen, die hem dikwijls buiten staat stelden enig zeil te voeren, en na de rivier de Mersey te zijn voorbijgevaren, de 21e dezer ter rede van Belfast was aangekomen, doch, zodra de gelegenheid gunstig werd, de reis naar Liverpool had voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. A.J. De Sitter, notaris te Winschoten, gedenkt op woensdag 13 februari 1867, des avonds om 6 uur, ten huize van logementhouder A.S. Nies te Winschoten, publiek te verkopen het galjootschip ARENTINA ROELFINA, gevoerd door kapt. H.K. Boon, gebouwd in 1855, groot 124 ton, in 1866 geklasseerd 3.3 1., zoals hetzelve thans is liggende te Londen, met opgoederen en toebehoren, waarvan de inventaris op de gewone plaatsen ter lezing ligt en op franco aanvrage bij de notaris te bekomen is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triest, 18 januari. Volgens telegram uit Napels van gisteren hadden de schepen CHRISTINA, kapt. Kamminga, en PAULUS MEINTS, kapt. Struik, beide geladen met suiker, in de storm van 15 januari aldaar zware averij bekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Heerenveen, 25 januari. Dinsdag jl. hield de Friesche Maatschappij tot Onderlinge Verzekering van Schepen, alhier gevestigd, hare 29ste jaarvergadering. Uit het verslag der directeuren bleek onder andere, dat deze vereniging op het einde des vorige jaar telde 146 deelgenoten, die te samen NLG 437.500 verzekerd hadden. De schade in het afgelopen jaar was aanzienlijk geweest en overtrof die van andere jaren, zodat dan ook, tot dekking dier schade, een omslag nodig was van NLG 3,70 van elke duizend gulden ingeschreven kapitaal. Een voorstel, om, onder zekere voorwaarden, ook buiten Friesland wonende schippers als deelgenoten aan te nemen, werd, na enige woordenwisseling, door de meerderheid afgestemd, terwijl daarentegen een voorstel om ook de schade, voorvallende op den Rijn tot Keulen, te vergoeden, met algemene stemmen werd aangenomen.


30 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 januari. Bij Koninklijk Besluit is een gratificatie van tien gulden en een loffelijk getuigschrift verleend aan F. van der Plas, J. de Vrij, K. Vuil, C. Zwart, J. Stam, J. Groen, P. Zwart en D. Boes, allen behorende tot de bemanning der te Egmond aan Zee gestationeerde reddingsboot, wegens het met levensgevaar redden der equipage van het op de buitenbank onder Bergen gestrande Nederlandse barkschip PETSCHORA, in de nacht van 28 december 1866.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 28 januari. Bij paal X is gestrand de Groninger hektjalk JONGE JAN EN MARGARETHA, kapt. Jellies (opm: W. Jelis), met stukgoederen van Newcastle naar Amsterdam bestemd. Het schip zit hoog op strand en zal weg zijn. De equipage heeft zich gered. (opm: schip wordt afgebracht en verkocht).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 26 januari. Het schoenerschip GENIUS, kapt. Grube, van Memel naar Elsfleth met rogge bestemd, is gisteren bij Hela op strand geraakt. Volgens het zeggen van de kapitein is het schip reeds onder water. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 21 januari. Het schip de DRIE GEZUSTERS, kapt. Breeland, van Nykjöbing naar Littlehampton bestemd, heeft nu de gehele lading in zeer slechte staat gelost en zal de lading op eesten (opm: verwarmde vloer) moeten gedroogd worden. Naar men zegt, moet er verscheidene voeten water in het ruim zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het lokaal hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat op dinsdag 29 januari: het schip CHARLOTTE, of Derby, kapt. Longmaid, gebouwd in 1852, groot 253 gemeten lasten. Hiervoor is geen bod gedaan. De chronometer is niet geveild.


  JB - Javabode

Riouw, (geen datum). Op 12 december jl. verongelukte nabij het eiland Kapini, behorende tot de Groot-Anambasgroep in de Chinese Zee (opm: eilandengroep ten oosten van Malakka) in een hevige storm het Nederlandse barkschip KONING WILLEM III, gevoerd door kapt. J.J. Vellenga, komende van Saigon met een lading rijst en bestemd naar Hongkong. Schip en lading gingen verloren, doch de bemanning werd gered.


  JB - Javabode

Soerabaija, 24 januari. Bij het alhier ter rede komen van het oorlogsschip JAVA had men het ongeluk in aanraking te komen met het ter rede liggende barkschip PIET HEIN, hetwelk hierdoor aanmerkelijke schade bekwam aan zijn romp. Een Hamburger bark bleef ook niet ongedeerd, welke door het ontzaglijk gevaarte meer dan een voet bij de voorsteven werd opgelicht en averij bekwam aan de voorboeg. De JAVA kwam met een gebroken bakspier, lichte schade aan de bovenreling en een gebroken giek er verder vrij van.


31 januari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de uitgebreide fabriek van stoom- en andere werktuigen der heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel op het Oostenburg te Amsterdam, is gisterenavond omstreeks 10½ ure een geweldige brand uitgebroken, die door een gasontploffing schijnt ontstaan te zijn.
Door de felle wind aangewakkerd, stond reeds ten 11 ure het gehele voorste gedeelte der gebouwen, de zogenaamde “oude fabriek”, door een binnenplaats van de overige werkplaatsen afgescheiden, in lichterlaaie vlam. Er viel dan ook, hoewel van alle kanten hulp kwam opdagen en spoedig een aantal spuiten, waaronder ook de stoombrandspuit, zich op de plaats van het onheil bevond, aan het behoud van dat gebouw niet te denken. Intussen mocht men er door buitengewone krachtinspanning in slagen, de woedende vlammen in zoverre te bedwingen, dat omstreeks middernacht de vrees begon te wijken, dat de brand ook op de verdere gebouwen in de omtrek zou overslaan.
Alle plaatselijke autoriteiten waren op het terrein van de brand aanwezig en vooral ook heeft de directie der marine zich beijverd om hulp aan te bieden. Een ontzettende volksmenigte was van alle zijden samengevloeid, om het grootse hoewel droevige schouwspel gade te slaan. De gehele stad was als in een vuurgloed en op sommige punten had het gezicht van de brand een onbeschrijfelijk effect. Meer in de nabijheid was het toneel angstwekkend, door het zich telkens opvolgend geweld van de instortende muren en vloeren, het knetteren van glasruiten, enz.
Tot op verre afstand vlogen de vonken, de brandende stukken hout en de vlammende en smeltende stukken metaal. Gelukkig hebben geen andere persoonlijke ongelukken daarbij plaats gehad, dan dat een drietal personen lichte kwetsuren hebben ontvangen.
Wanneer men weet, dat ruim 1200 werklieden in deze fabriek hun bestaan vinden, dan kan men zich een denkbeeld maken van de angst en schrik, die zich algemeen verspreidde bij het vernemen van de ramp. Intussen hebben de heren Van Vlissingen en Van Heel maatregelen genomen, om zo weinig mogelijk stagnatie in de werkzaamheden te brengen, zodat deze slechts één dag behoeven stil te staan en de werklieden generlei verlies zullen leiden.
De fabriek zelf heeft vooral geleden door het vernielen van de modellenkamer, die zich in het gebouw, waar de brand is aangekomen, bevond en die vele modellen en tekeningen bevatten, welke allen een prooi der vlammen zijn geworden. Van hetgeen zich op het kantoor bevond, is daarentegen bijna alles gered kunnen worden. Het grote voorgebouw is geheel vernield. De voorgevel stortte omstreeks 1 uur na middernacht in en nog heden namiddag stegen hier en daar de vlammen uit de puinhopen op.
Alle verdere gebouwen zijn gespaard gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 29 januari. Het alhier van Java gearriveerde schip PAULINE CONSTANCE ELEONORE, kapt. Van Ingen, heeft op de reis een orkaan doorgestaan en daarin bramsteng, zeilen en rondhout verloren, en meer andere zeeschade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 6 december. De 2e dezer is alhier lek binnengelopen het Nederlandse schip ANTONIA PETRONELLA, kapt. Voorendijk, van Hongkong naar Honolulu bestemd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding voor Siert Jans Edema, van Grietje Bleeker, koopvrouw te Farmsum:
- Aangezien gedaagde omstreeks half oktober van 1862 als gezagvoerder op het kofschip MARGARETHA GEZINA, inhebbende een lading haver, van Groningen is vertrokken met bestemming Londen en van Oostmahorn in zee is gestoken.
- Aangezien gemeld schip op 21 oktober 1862 op de buitengronden van Spiekeroog, in het gezicht van de kust totaal is verongelukt en er van de bemanning niemand is gered, enz.
Ten einde van zijn in leven zijn te doen blijken. (opm: bekort; zie ook PGC 250463)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding ten verzoeke van Sjouke de Jager, werkvrouw van Farmsum, voor Redmer Groenewold, buitenvaarder, vroeger gewoond hebbend te Farmsum, thans woonplaats onbekend.
- Aangezien der eiseresses man Redmer Groenewold, in dienst als stuurman aan boord van het kofschip genaamd ANNEGIENA, kapt. Jan A. Donga, bestemd naar Frederikstad, in Noorwegen tot het halen van een lading hout voor de heren Borst en Roggenkamp, houthandelaren te Delfzijl, uit de haven van Delfzijl is uitgezeild op 19 september 1862.
- Aangezien volgens een schrijven van genoemde kapitein uit Frederiksstad, van 3 october 1862 met het bericht, dat alles en dus ook de bemanning in goede welstand aan boord was, om de volgende dag, de vierde dier maand in zee te gaan en dat ook is gebeurd.
- Aangezien van bedoeld schip sedert 3 october 1862 geen andere berichten zijn binnengekomen, dan dat volgens de zeetijdingen het wrak, dat in de maand november 1862 ondersteboven te Lysekil ( Zweden) was komen aandrijven, is geweest het kofschip ANNEGIENA voornoemd. enz.
Ten einde van zijn in leven zijn te doen blijken.(opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Met handgeld uit de hand te koop een galjootschip, groot 100 roggelasten, dagelijks te bevragen ten kantore van de ondergetekende notaris te Ezinge en des maandags en des dinsdags te Groningen.
Mr. R.M.A. de Marees vn Swinderen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 januari. De 15e dezer is aan het strand onder de gemeente Schoorl aangespoeld een wrak, zijnde een gedeelte van een spiegel, waarop is gevonden een groen geverfd bord met vergulde rand op het welk waren vastgespijkerd de letters H. R, groen geverfd en verguld afgezet, alsmede een groen naambord, waarop met uitgehouwen en vergulde letters MARIA.


01 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 januari. Het (Algemeen) Handelsblad meldt hedenavond: De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft heden een voor de Nederlandse rederijen op de grote vaart belangrijk besluit van de minister van koloniën kenbaar gemaakt. In plaats van de gewone beurtbevrachtingen van Indië naar Nederland à NLG 110 voor schepen onder en NLG 105 boven de 400 gemeten lasten, per uitleverend last producten volgens tarief, zal met de aanvang van 1868 de bevrachting plaats hebben bij openbare inschrijving en wel in dier voege, dat omstreeks 4/5 van de voor de overvoer der gouvernements-consignatie-producten benodigde scheepsruimte in Nederland en omstreeks 1/5 in Indië op de nieuwe wijze zullen worden ingehuurd. Tot die inschrijving zullen worden toegelaten alle schepen onder Nederlandse of Nederlands-Indische vlag boven 175 gemeten lasten en in het bezit van de vereiste classificaties en geëxamineerde stuurlieden. De beperking van Nederlandse en in Nederland gebouwde schepen schijnt dus te zijn opgeheven en zullen alsnu buiten 's lands gebouwde schepen onder Nederlandse of Nederlands-Indische vlag kunnen concurreren. In de charterpartijen worden onderscheidene belangrijke wijzigingen gebracht, waaronder de bijvoeging op artikel 12: “Geen voorbehoud, zo ten aanzien van de wicht als anderszins, vermag door de gezagvoerder op de cognossementen gemaakt te worden dan onder uitdrukkelijke goedkeuring van de representanten van de bevrachtster” en andere zeer de aandacht verdienen. Het lasten-tarief blijft hetzelfde met uitzondering van het artikel tabak (tot heden 800 Nederlandse ponden bruto per last), waarin een wijziging te verwachten is. De bevrachtings-provisie à ¾%, die de maatschappij aan de cargadoors van de gecharterde schepen toekende, komt te vervallen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfshaven, 31 januari. Volgens telegrafisch bericht is het barkschip HENDRINA, kapt. Van Breen, 19 oktober van Batavia naar Amsterdam vertrokken, hedenavond in Texel binnengekomen. Aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 31 januari. De IJMUIDEN is hedennacht in aandrijving geweest met de MARY GODDARD, de eerste verloor anker en ketting en de tweede kreeg belangrijke schade aan het schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 januari. De Nederlandse schepen DAGERAAD, kapt. Duinker, en CORNELIS GIPS, kapt. Seyffert, beiden van Batavia, het eerste naar Amsterdam, het tweede naar Dordrecht bestemd, zijn, volgens telegram uit Londen van gisteren, bij Dungeness van ankers en kettingen voorzien. Zij hebben om assistentie gevraagd, die nog niet is verleend kunnen worden. Het eerstgenoemde schip heeft de reis naar Texel voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 januari. Volgens brief van kapt. Grönbeck, voerende het Nederlandse schip HOLLAND, van Batavia herwaarts, lek te Lissabon binnengelopen, bevorens gemeld, lag hij aldaar de 20e dezer nog in reparatie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 19 december. Het Nederlandse schip (opm: bark) JOHANNA MARIA, kapt. A.E. Kleijnenberg, alhier de 5e dezer uit Bangkok aangekomen - zie ons nummer van 27 januari - is lek, heeft zeilen verloren en andere schade bekomen, hebbende op de reis een zware storm belopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 6 december. Het Nederlandse barkschip ANTONIA PETRONELLA, kapt. Voorendijk, van Hongkong naar Honolulu bestemd, de 2e dezer alhier van eerstgenoemde plaats binnengelopen - zie ons nummer van gisteren - is lek en zwaar beschadigd, hebbende op de hoogte van de kust van Luzon (opm: Philippijnen) op een rif gestoten en zal moeten lossen om nagezien te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 januari. Alhier is heden gearriveerd het schip JOHANNA ELISABETH, kapt. Valom, van Suriname, met weggeslagen verschansing en andere zeeschade.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Verwer zal maandag 4 februari 1867, nademiddags 2 uur, in de Zwaan te Makkum, veilen het geadmitteerde veerschip varende in de vaste beurt van Makkum op Bolsward et vice-versa, met de gerechtigheid tot het veer; dadelijk te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Tadema te Heeg zal publiek presenteren te verkopen, zaterdag 9 februari 1867, bij Huizinga te Heeg, ’s avonds 7 uur een overdekt kofscheepje, de JONGE PIETER, groot 10 ton, met staand en lopend want, zeilen, touwen en ander toebehoren, bevaren door Tjeerd Nijdam en dadelijk te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Huisman te Drachten zal op donderdag 7 februari 1867, ’s namiddags 3 uur, in de herberg bij Klasema aldaar, bij executie verkopen een overdekt snikschip de JONGE JAN, groot 10 ton, met zeil, fok en verdere inventaris, bevaren door J.J. Klaver te Drachten, en liggende bij de draaibrug aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. Binnerts te Heerenveen zal op vrijdag den 8 februari 1867, ’s avonds 7 uur, ten huize van den logementhouder Muurling, in het Posthuis te Heerenveen, veilen en den 15 dito, ten huize van Tjitze de Vries aldaar finaal verkopen een veer of beurtschip, met zeil en treil, haken en bomen en verder toebehoren, benevens het halve veer van Heerenveen op Sneek, Franeker en Harlingen vice-versa. Het schip ligt ter bezichtiging voor den wal van den eigenaar J.T. Gaastra te Nijehaske, bij Heerenveen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een in aanbouw zijnd schuitje, wijd 16.632 (48 voet), wijd 3.337 (11¾ voet) en hol 1.278 (4½ voet); tevens twee oude overdekte snikken, groot 14 ton. Te bevragen bij A.P. van der Werff, scheepstimmerbaas te Drachten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw schip, lang 14.93 el of (50½ voet), wijd 3.57 el of (12½ voet), diep 1.40 el of (5 voet), een overdekte hekschuit, groot 49 ton, en een wel onderhouden beurtschip, groot 23 ton. Te bevragen bij de weduwe S.A. Nieuwland te Deinum, bij wie ook tevens 1 of 2 scheepstimmerknechten kunnen geplaatst worden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 4 à 6 scheepstimmerknechten kunnen dadelijk werk bekomen bij D. & L. Alta te Harlingen.


02 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het Nederlandse schip ORTELIUS, kapt. Groote, de 30e januari ll. van Batavia te Texel gearriveerd,heeft op de hoogte van de Wester Eilanden (opm: Azoren) zware stormen doorgestaan, waardoor enige zeilen zijn verloren geraakt, onderscheidene deknaden zijn gesprongen en het schip nog andere schade bekwam. De kapitein vreesde ook voor schade aan de lading.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 1 februari. Het Nederlandse schip MARIA ANNA, kapt. Van Monnom, van Batavia naar Rotterdam bestemd, is op Onrust aan de grond geraakt. De stoomboot ROTTERDAM en assistentie zijn derwaarts vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 februari. De galjoot ZUIDLAREN, kapt. Drenth, is volgens eergisteren hier ontvangen telegram uit Liverpool, aldaar van Marrangham (opm: wellicht verminkte naam) gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 31 januari. Volgens telegram uit Brouwershaven van heden had het schip IJMUIDEN, kapt. Icke qq, aldaar van Batavia binnen, die nacht wegens aanzeiling anker en ketting verloren en meer andere schade bekomen.


  JB - Javabode

Samarang (geen datum). In de voormiddag van de 10e januari ll. strandde op de Karang Hadji, in de noordelijke ingang van Straat Banka, de Engelse bark CONHEATH, gevoerd door kapt. W. Philips. Dat vaartuig, groot 500 ton, beladen met koffij, sagomeel en gambir, was op de terugreis van China via Singapore naar Liverpool. Door de grote vaart was het schip zo hoog op de rotsblokken geschoven, dat er geen kans bestond om het weder vlot te krijgen. Bijgestaan door Zr.Ms. opnemingsvaartuig PYLADES en stoomschip REINIER CLAESZEN en een te Muntok te huis behorende bark, welke tot dat einde de plaats des onheils waren genaderd, gelukt het echter tuig en inventaris, almede een gedeelte van de lading te redden.


03 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia en Semarang komt in het voorjaar in lading voor passagiers en goederen het clipperschip 'S GRAVENHAGE, kapt. J.R. Bok. Dit schip, groot 2000 gemeten tonnen, geheel op zeilage gebouwd, heeft een stoomvermogen van 80 paardenkracht, drie dekken, is uitmuntend ingericht voor de overvoer van passagiers en families en bestemd voor een geregelde pakketvaart tussen Nederland en Java. Men stelt zich voor met deze bodem de reis in 70 à 75 dagen van Brouwershaven naar Batavia te kunnen volbrengen. Het schip zal voor het gemak van de passagiers een purser varen, benevens een geëxamineerde scheepsdokter en zal een melkgevende koe aan boord zijn. Adres de reders Van Zeylen & Decker, de cargadoors P.A. van Es & Co alhier, Hoyman en Schuurman te Amsterdam en F.L. der Kinderen te 's Gravenhage, alwaar plannen van de inrichting ter inzage liggen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Het schip CATHARINA, kapt. Stuven, van Archangel naar Koogerpolder, in het Vlie binnen, is de eerste februari door de stoomboot MAGNET in het Nieuwediep gesleept en zou de reis langs het Kanaal voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Volgens telegrafisch bericht van kapt. H. Singer, voerende het Nederlandse brikschip GOUVERNEUR VAN SWIETEN, van Buenos Ayres naar Antwerpen bestemd, is dat vaartuig hedenmorgen bij dik weder op de hoogte van Beachy Head gebleven. Het volk is gered. Nadere bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Volgens het laatste telegrafisch bericht uit Zierikzee is het schip MARIA ANNA, kapt. Van Monnom, vlot gekomen, hedenmiddag aldaar ter rede gearriveerd en zou morgen opslepen. Het schip is vrij dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Volgens telegrafisch bericht is het schip JOSEPH WILLEM, kapt. Bik, de 17e oktober uit Batavia vertrokken, heden op de rede van Texel binnengekomen. Het zou de stroom afwachten om in de haven te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Het schip BATAVIA, kapt. Van Dolder, was, volgens brief van Decima van de 30e november, naar Shanghai en terug naar Decima bevracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 2 februari. Het schip DAGERAAD, kapt. Duinker, heeft zware stormen doorgestaan en zware schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 2 februari. Het Nederlandse schip MARIA ANNA, kapt. Van Monnom, is door de stoomboot ROTTERDAM hedennacht afgesleept en hier ter rede gebracht, na veel koffij in lichters en kleine vaartuigen te hebben gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 2 februari. Hedenmorgen is te Vlissingen in de haven gekomen de Nederlandse hoeker ADRIANA FRANCISCA, kapt. Van Eyk, komende van Engeland met kolen voor de gasfabriek aldaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 1 februari. De Franse stoomboot TIMSAH, die ll. maandag op de plaat bij Breskens gestrand is, zal geheel weg zijn. Een gedeelte van de lading is geborgen. Het overige, grotendeels uit balen gom en meel bestaande, drijft verspreid op de rede. Van het laatste is een groot gedeelte door de Arnemuidse vissers geborgen en hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 31 januari. Het Nederlandse schip DE HOOP, kapt. Boer, van Montevideo om orders hier gearriveerd, heeft verschansingen enz. verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Limerick, 30 januari. Zaterdagmorgen is het Nederlandse schip CATHARINA WILHELMINA , kapt. De Boer, in Scattery roads, in the Shannon, in een lekke en beschadigde staat binnengelopen - bevorens reeds gemeld. Dit schip was bestemd van Batavia naar Schiedam en geladen met suiker en koffij. Het ondervond zeer slecht weder gedurende de terugreis, voornamelijk in de storm van de 6e dezer en heeft een gedeelte van de lading overboord moeten werpen. Boten en andere materialen zijn door zware stortzeeën overboord geslagen en de equipage, bestaande uit 35 man, was geheel uitgeput door het pompen om het schip boven water te houden. De luitenant ter zee De Jong en de heer Van der Kemp, directeur van het gouvernementshospitaal te Batavia, zijn vrouw en 5 kinderen, benevens 8 militairen waren aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Porthleven (Cornwall), 31 januari. De loods en hompelaars (opm: waarschijnlijk bedoelt men dompelaars: pompgasten), welke het Nederlandse schoenerschip ZORG EN VLIJT, kapt. Mulder, met boekweit geladen, de 21e dezer in een zinkende staat hebben binnengebracht, hebben GBP 66 voor hun diensten ontvangen. De lading, welke verkocht is, heeft door elkander Sh.10/3 per quarter opgebracht.


04 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 2 februari. De Nederlandse bark MARIA ANNA, kapt. J.D. van Monnom, strandde vrijdagavond op Onrust, zie ons nummer van gisteren en eergisteren. Na gehouden scheepsraad werd er besloten een gedeelte van de lading tin en koffij overboord te werpen; het schip bleef echter zitten. Des morgens kwamen er verscheidene lichters langszij, welke allen met koffie beladen werden en die koffij in deze haven opbrachten. Om 12 uur des middags kwam de stoomboot ROTTERDAM II ter assistentie. Met behulp van de voornoemde sleepboot werd hedennacht het schip in vlot water en hedenmiddag alhier ter rede gesleept. Omstreeks 3000 balen koffij zijn uit het schip gelost en alhier en te Veere opgeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven, 2 februari. Volgens telegrafisch bericht is een Nederlandse brik bij Beachy Head Ledge op strand geraakt, zijnde de brik GOUVERNEUR VAN SWIETEN, kapt. Singer, van Buenos Ayres naar Antwerpen bestemd, zie ons nummer van gisteren. Het is vol water gelopen. De lading bestond uit wol en suiker.
[afb]
Beachy Head
(fotocollectie Wikipedia)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly (St. Mary's), 1 februari. Toen het Nederlandse schoenerschip HOLLANDS ACCRA, kapt. Turfboer, van Afrika naar Rotterdam bestemd, hetwelk alhier de 24e januari is binnengelopen, de 29e anker opging, sloeg de spil over de kop. Men liet het anker slippen en het schip dreef tegen de St. Mary’s Poul. Het heeft assistentie gekregen om het schip langs de kaai te meren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 30 januari. Het Nederlandse schip MARGARETHA, kapt. Panman, van Stockholm naar Havre, is alhier met slagzijde en verhitte lading binnengelopen. Het moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. Volgens telegrafisch bericht via Soerabaja zijn op Meinderts Droogte vergaan de Nederlandse schepen ISIS, kapt Torley Duwell, van Passaroeang naar Nederland en CORNELIS ANTHONIE, kapt. Bouten, naar de Golf van Perzië bestemd en in Straat Sapoedie, het Engelse schip VENUS, van hier naar Nieuw Zeeland bestemd. De equipages van deze schepen zijn gered. Een van de stoomboten van de nieuwe sleepbootdienst te Soerabaja is onmiddellijk ter assistentie gezonden. Volgens de laatste berichten is de ISIS reddeloos verloren. Van de andere bodems zijn geen nadere berichten bekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. De stoomboot KONING WILLEM III heeft 's avonds bij het binnenkomen zeer nabij het hoofd met het voorste gedeelte op het droge gezeten. Met zeer veel moeite is deze boot door de SURINAME er weder afgesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, W. Bakker Bzn en H.J. Daam, makelaars, zullen als lasthebbenden van hun principaal, ten overstaan van de notaris J.W.H.H. Druijvesteijn, de 18e februari 1867, des avonds ten 6 ure in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam presenteren te verkopen het uitmuntend gebouwd, extra snelzeilend, gekoperd en kopervast barkschip genaamd WILLEM DANIEL, gevoerd door kapt. H.H. Zeijlstra, groot volgens Nederlandse meetbrief lang 36 el 70 duimen, wijd 5 el 56 duimen, hol 5 el 6 duimen, en alzo gemeten op 459 tonnen of 242 lasten en verders met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verder toebehoren, als breder bij inventaris omschreven en liggende ter bezichtiging aan de werf De Boot, Groote Wittenburgerstraat. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Oolgaardt en Bruinier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. De regenmoesson zet dit jaar met ongewone heftigheid in; de schepen op de reden van Batavia en Semarang hebben niet alleen bij het afschepen en innemen van ladingen met alle soorten van hinderpalen te worstelen en reeds verliezen aan mensen en ladingen te betreuren, het schijnt ook dat de tyfoons die in de Chinese zeeën gewoed een grote schade aangericht hebben, hun kracht tot in de anders zo kalme Java Zee doen gevoelen, want ook buiten stormt het op ongewoon heftige wijze, zodat o.a op de Meindertsdroogte (oostelijk Java) twee schepen vergaan zijn en de stoomboot KONINGIN DER NEDERLANDEN, van Soerabaja naar Batavia bestemd, het niet tegen wind en stroom kon houden en verplicht was, de rede van Semarang als noodhaven aan te doen; bij de bekende toestand van deze rede mag men gerust zeggen, dat een schip daar veiligheid zoekende, reeds van de wal in de sloot raakt, om niet te spreken van hulp, waaraan niet te denken valt bij de gedurige stremming van de communicatie tussen de rede en de wal. Neemt men daarbij in aanmerking dat de kustverlichting op Java steeds tot de pia vota (opm: vrome wensen) blijft behoren, in spijt van grootse plannen en beloften en heenwijzing op de zorg van de regering, dan kan men zich een begrip maken, hoe het hier op het ogenblik met de kustvaart uitziet, waarbij dan nog komt dat de kustvaart nog altijd een soort van monopolie uitmaakt voor een vloot van kustvaarders die zich gewoonlijk in een zo onveilige staat bevinden, dat de handel er slechts node toe overgaat aan die schepen goederen te vertrouwen. Door de belemmerende bepalingen echter ten aanzien van schepen die niet tot de kustvaart zijn gerechtigd, wordt aan handel en nijverheid zo belangrijke schade veroorzaakt, dat de Kamer van Koophandel te Batavia zich in een uitmuntend gemotiveerd request aan het gouvernement heeft gewend, houdende verzoek om tussenkomst van het opperbestuur de opheffing te verkrijgen van de bescherming tot dus verre aan de kustvaart verleend. Het tijdstip om dit verzoek te doen, moet geacht worden het juiste te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 december. Vrachten bleven nog op hetzelfde lage standpunt. De disponibele scheepsruimte vermindert echter enigszins doch dit is ook het geval met de producten ter afscheep. Sedert ons bericht van 15 dezer werden opgenomen: naar Amsterdam, Nederlands KANGAWA á NLG 40 voor suiker en koffij, hier en te Semarang te laden; BANTAM tot dezelfde vracht, hier en te Soerabaja te laden. Naar Rotterdam, Nederlands MAASSLUIS á NLG 40 en NLG 42,50 voor suiker en NLG 40 voor tabak, in de Oosthoek te laden; NIEUWE WATERWEG NLG 40 voor suiker en koffij, insgelijks in de Oosthoek in te nemen. TRITON wordt in de Oosthoek voor reders rekening beladen. Voor een kustreis werd Nederlands HAAMSTEDE opgenomen.
Onbevracht zijn de volgende bodems, waarvan enkelen nog repareren: Nederlands WILLEM POOLMAN, PHILIPS VAN MARNIX, TERNATE, ALBLASSERWAARD, LANDBOUW, TJILINGSIE, SALATIGA, KONING WILLEM II, QUINTET, EDOUARD MARIE, PROFESSOR VAN DER BOON MESCH, TWEE CORNELISSEN en BELLATRIX.


05 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Memorie van Toelichting op de begroting van Marine voor het jaar 1867:
De minister is in het bezit van het ontwerp van een doelmatig ramschip, dat tevens aan alle andere vereisten van het hedendaagse oorlogsschip beantwoordt, doch een diepgang heeft van 15½ Engelse voet (47 palm). Het hier bedoelde vaartuig zal een lengte hebben van hoogstens 205 Engelse voet, d.i. 62½ Nederlandse el, zodat het door alle sluizen van het Noord-Hollandsch Kanaal zal kunnen varen. Het zal rondom gepantserd zijn; over een lengte van 100 voet met platen van 6 Engelse (15 Nederlandse) duim, naar voren afnemende tot 4½ Engelse (11½ Nederlandse) duim, naar achteren tot 3 Engelse (7½ Nederlandse) duim. De pantsering, ter hoogte van 3½ voet boven water, naar voren oplopend tot 7 voet, naar achteren tot 4 voet 3 duim, strekt tot 3 voet onder water. Geheel van ijzer gebouwd en van de sterkste constructie, zal het schip voorzien zijn van een ram, waarvan de projectie onder water 5 voet bedraagt. De beide schroeven worden elk bewogen met werktuigen à 200 paardekracht (opm: nominaal), waarmede op een 13-mijlsvaart gerekend wordt. De tonnen-inhoud bedraagt 1320 ton. Bij dit ontwerp is de wapening niet opgeofferd ter verhoging van het ramvermogen, daar het schip een ronddraaiende toren, gepantserd met platen van 8 Engelse (20 Nederlandse) duim, rond de poorten verzwaard tot 11 Engelse (27½ Nederlandse) duim) zal voeren, geschikt tot opstelling van twee 300-ponders. Met deze wapening kan derhalve het vaartuig als een grote monitor worden aangemerkt, die – als middenevenredige tussen de door de commissie voor de kustverdediging aanbevolen stoombatterijen en stoomrammen – beiden vervangt. De kosten van een zodanig ramschip bedragen ongeveer 11 tonnen gouds (NLG 1.100.000)
Wat nu betreft het aantal schepen van beide soorten, stoomrammen en monitors, door de regering nodig geacht, zo heeft zij het door de commissie voorgestelde getal van 10 ramschepen (en stoombatterijen) en 14 monitors als minimum aangenomen. Het denkbeeld ener actieve zeemacht, opgewassen tegen die ener zeemacht van de tweede rang, wordt met dit stelsel niet opgegeven. Integendeel, de ramschepen, die een volkomen zeewaardigheid bezitten, 10 in getal en de straks genoemde wapening voerende, zullen een niet te versmaden macht daarstellen, hetzij wij moeten optreden als bondgenoot tegen een grote zeemogendheid, hetzij alleen tegen een van de tweede rang, terwijl ook de monitors in vele omstandigheden in het Kanaal of de Noordzee aan de strijd kunnen deel nemen, of wel, terwijl eerst genoemden buitengaats zijn, de toegangen tot het hart des lands langs de waterwegen zullen bewaken.
Voor de verdediging onzer onschatbare bezittingen in Oost-Indië is eveneens gepantserd drijvend materieel onmisbaar, en met het oog op de uitgebreide werkkring, die voor hetzelve in tijden van gevaar is weggelegd, behoort het de meest mogelijke eigenschappen tot oorlogsgebruik in zich te verenigen. Gelijkvormigheid behoort daarbij in acht genomen te worden.
De regering acht de boven beschreven stormrammen – welker volle zeewaardigheid voor een Indische reis aan geen twijfel meer onderhevig is – volkomen geschikt voor de verdediging van onze koloniën. Deze ramschepen, welke bestemd zijn om in tijd van vrede op doelmatige wijze in Indië te worden opgelegd en in oorlogstijd bemand te worden met het personeel der verschillende kleine stoomschepen, behorende tot het Indische materieel, moeten ook onder hetzelve worden gerangschikt en dus ten laste van het Indische budget komen.
De toenemende eis om een tal van kleine stoomschepen voor de dienst in Indië uit te zenden, die echter door de invloed van het klimaat en de schier onophoudelijke diensten, welke men van hen vergde, spoedig werden opgevaren, heeft de aanbouw van het eigenlijke oorlogsmateriaal voornamelijk belet en is, zo als trouwens genoegzaam bekend is, oorzaak geweest van de achteruitgang der zeemacht. Hieraan moet een einde komen, en met dat doel is de maatregel tot afscheiding van het materieel voor Oost-Indië door de regering vastgesteld.
Het kan echter niet worden toegegeven, dat de som van NLG 1.600.000, op de begroting van Nederlands-Indië toegestaan voor de aanbouw van vier ijzeren raderstoomschepen, bij de beoordeling van het eindcijfer van dit hoofdstuk der Nederlandse begroting behoort in rekening te worden gebracht. Hoe nodig en doelmatig deze vaartuigen ook geacht worden, zijn zij uitsluitend bestemd voor de locale dienst in Indië en de aanbouw derzelven is een noodzakelijke voorbereiding tot de uitvoering van het Koninklijk Besluit van de 16e november 1866, hetwelk in januari 1868 zal worden in werking gebracht. Die gelden zullen naar het oordeel van de minister eerst later in aanmerking moeten komen bij de beoordeling van hetgeen de daarstelling van het Indische materieel zal hebben gekost, maar zij hebben niets gemeens met het eindcijfer van deze begroting.
Zo als reeds is gezegd in de memorie van toelichting, is de regeling der uitgaven voor de zeemacht in Indië nog niet in werking gebracht, zodat in 1867 de voorziening in de Indische dienst nog geheel ten laste van deze begroting komt, gelijk uit haar samenstelling genoegzaam blijkt, en waardoor zij in dat opzicht nagenoeg gelijk staat met die van het vorige jaar. Trekt men van het eindcijfer van deze af het bedrag van de tweede termijn van betaling voor het te Birkenhead in aanbouw zijnde torenschip en de NLG 152.000, toegestaan voor de gedeeltelijke aanbouw van een gepantserde ramkanonneerboot, dan blijft voor de gewone uitgaven over een som van NLG. 8.181.046, en trekt men van het eindcijfer der thans gewijzigde aanhangige begroting af de som der als buitengewoon voorkomende uitgaven ad NLG 6.840.000, dan blijft voor de gewone uitgaven over NLG 8.055.743, welk bedrag dus nog lager is dan het boven verkregene.
In de memorie van toelichting is mededeling gedaan van de overweging, welke aanleiding heeft gegeven tot het staken van de bouw van het schroefstoomschip ANNA PAULOWNA. Dezelfde reden bestaat nog. De minister wenst in den regel slechts één soort van houten schepen ten laste der Nederlandse begroting aan te bouwen. Daar echter het slopen van genoemd schip tot geen merkbare bezuiniging zou leiden, omdat van het daarvan afkomend hout weinig gebruik voor de scheepsbouw zou kunnen worden gemaakt, zal het wellicht raadzaam zijn dit schip te brengen tot het type-DJAMBI. Voor de in den vervolge aan te bouwen houten stoomschepen heeft de minister de voorkeur gegeven aan het type-DJAMBI, enigszins gewijzigd, omdat hij oordeelde, dat die schepen het best voldoen aan de verschillende eisen, die daarvoor gesteld zijn. Door hun sterkere bemanning dan die van het type-PHOENIX of RETEH kunnen zij – het auxiliair eskader in Indië uitmakende – bij expeditiën en landingen veel meer gewicht in de schaal leggen, dan laatstgenoemde; door hun zwaardere wapening zijn zij ook veel beter geschikt om deel te nemen aan krijgsbedrijven zo als dat van Shimonoseki; door hun vol tuig en grote handelbaarheid zijn zij bovendien uitmuntende schepen tot het doen van oefeningstochten, terwijl zij – zo als vroeger reeds opgemerkt is – ook in oorlogstijd tot belangrijke diensten zullen gebezigd worden. Dit type is te beschouwen als die van het kleinste houten oorlogsschip, daar beneden zijn het flotille-vaartigen.
De twijfel, welke geopperd wordt aangaande de bruikbaarheid van het torenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, omdat het te veel diepgang zoude hebben om zich langs onze kust te bewegen, is ongegrond. (opm: sterk bekort)


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 4 februari. Bij beschikking van de ministers van binnenlandse zaken en van marine van 14 januari jl., no. 370/30, is een commissie van toezicht benoemd over het, op voorbeeld van Frankrijk en Engeland, voor Nederland te bewerken en in te voeren boek van seinen op zee, bestaande uit de heren: J.W. Binkes, luitenant ter zee 1ste klasse te Rotterdam; F.C. Jaski, oud scheepsgezagvoerder, reder te Amsterdam, en D.C. Rietbergen, oud scheepsgezagvoerder, directeur van het Zeemanshuis en leraar aan de Zeevaartkundige school te Rotterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Het uitmuntend onderhouden paviljoenschip ZAAN EN GRONINGEN, gemeten op 68 ton, varende in het vaste veer tussen Zaandam en Groningen vice versa, is met complete inventaris uit de hand te koop, terwijl het gemeentebestuur van Zaandam, na daaromtrent gehouden overleg met het gemeentebestuur van Groningen, aller waarschijnlijkst genegen zal zijn de koper als beurtschipper in bovengenoemd veer aan te stellen. Het schip ligt te Zaandam en is aldaar te bezichtigen op franco aanvrage aan de commissaris van het veer, waar ook verder over de koop kan onderhandeld worden of bij de eigenaar, de heer F. Hoekstra te Urk. Brieven franco.


06 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 februari. Volgens een heden ontvangen brief zal het grootste gedeelte der lading van het schip GOUVERNEUR VAN SWIETEN, kapt. Singer, van Buenos Ayres naar Antwerpen bestemd en bij Beachy Head gestrand, gered kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 29 januari. Het Nederlandse schip HOLLAND, kapt. Grönbeek, van Batavia naar Amsterdam bestemd, hetwelk alhier de 19e dezer lek is binnengelopen, is begonnen met de lading te lossen.


07 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Volgens telegrafisch bericht is Zr.Ms. transportschip met stoomvermogen JAVA, kapt.luit.t.zee H.A. Modderman, vóór de 15e januari uit Texel te Batavia aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Liverpool zal op donderdag de 21e februari publiek worden verkocht het in 1854 gebouwde Nederlandse gekoperde en kopervaste barkschip DE ZWAAN, laatst gevoerd door kapt. O. Doekzen. Dit schip is de 7e mei 1865 het laatst voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij te huis gekomen is thans liggende in het Princess Dock te Liverpool. Hetzelve is inmiddels uit de hand te koop en te bevragen bij de makelaar G.J. Boelen, IJgracht U 40 te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. E. Mauritz, A.C. van Wageningen Jr., P.J. de Kanter Jr., D. de Jongh Wzn., B. de Witt en J. de Voogd Jr., makelaars te Dordrecht, presenteren op zaterdag de 2e maart 1867, des middags ten 12 ure precies, in het Nederlands Koffiehuis van J. Zahn over het Scheffersplein te Dordrecht publiek te verkopen het extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip EERSTELING, gevoerd door kapt. C. de Zeeuw Bagchus Wz., volgens meetbrief lang 40,80 ellen, wijd 7,32 ellen, hol 5,48 ellen en alzo gemeten op 727 tonnen of 384 lasten, liggende in de Kalkhaven te Dordrecht en breder bij de inventaris omschreven. Nadere onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors Visser & Van der Sande en Van Wageningen & Keijzer te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Volgens een ontvangen telegram van kapt. Rijken was hij de 29e januari met het schip ABEL TASMAN uit Schields te Bombay aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Volgens een heden alhier ontvangen brief wordt gemeld dat alle hoop verloren is om iets van de lading van het brikschip GOUVERNEUR VAN SWIETEN, kapt. Singer, van Buenos Ayres naar Antwerpen bestemd en bij Beachy Head gestrand - bevorens gemeld - te kunnen redden, ten gevolgen van het slechte weder dat er sedert enige dagen aldaar gewoed heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Het Nederlandse schip INDIA, kapt. Vonck, is volgens telegrafisch bericht heden uit Hellevoetsluis te North-Shields binnengekomen. Alles wel aan boord. Wind west, de barometer tekent 28.10. Stormweer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Volgens bericht van Blankenesen van de 4e dezer, was de vorige dag, bij zeer hoge vloed, op een zandbank in de Finkerwärder Elve (Elbe ter hoogte van Finkenwerder) een vermoedelijk Nederlandse schoener vastgeraakt. Bij gunstig weder zat het schip buiten gevaar, doch zou moeten lichten. (opm: de ANJA SIETSIA, zie NRC 080267)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Het schip CONSTANCE, kapt. Mulder, van Makassar naar Amoy, is de 16e december wegens gebrek aan proviand te Manilla binnengelopen, doch zou de 18e van die maand de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 21 december. Heden is alhier binnengelopen het Nederlandse brikschip ST. HELENA, kapt. Pille, van Rotterdam naar Hongkong bestemd, met verlies van zeilen, verschansingen enz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Runcorn, 2 februari. Het schip ACADIA, kapt. Boer, alhier van St. John (New Brunswick) aangekomen, heeft op de reis zeer hevige westerstormen belopen, waardoor de deklast overboord was geslagen en de verschansingen zeer waren beschadigd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het tjalkschip MADONNA, groot 50 roggelasten, oud ruim 4 jaar en liggende te Harlingen. Te bevragen met franco brief of in persoon bij de heer J.D. Hoen te Hoogezand.


08 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 februari. Het schip GESINA, kapt. Stenger, van Newcastle naar Barcelona, is te Oxfordness (opm: vermoedelijk Orford Ness, positie 52º 05’ NB en 01º 35’ OL) verongelukt. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blankenese, 5 februari. Gepasseerde nacht is uit het op de Finkenwerder Sandbank zittende schoenerschip ANJA SIETSIA, kapt. Huisman, een gedeelte wijn in lichters gelost. Niettegenstaande het heden hoge vloed is, schijnt het aan de sleepstoomboot niet te gelukken het schip af te brengen daar bij de intrede van de ebbe bij de avondschemering het schip nog aan de grond zit.
Van de 6e dezer: zover het gezicht door de donkere lucht reikt, is het schoenerschip ANJA SIETSIA nog niet vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notarissen Mr. Struijk en De Koning zullen op vrijdag 22 februari 1867 des voormiddags 11 ure in het koffiehuis Koophandel en Zeevaart bij J.C. van der Horst te Dordrecht in het openbaar verkopen de in 1864 nieuw gebouwde ijzeren sleepstoomboot DE STER met stoommachine van hoge drukking en 20 paardenkracht, lang 18,84, wijd 3,47, hol 1,43 en alzo, na aftrek van de machinekamer, groot 69 tonnen met inventaris, voorts 3 masten met ijzeren beslag enz. Te bezichtigen 4 dagen vóór de verkoop aan de Hooikade. Nadere informaties ten kantore van voornoemde notarissen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een hecht en sterk tjalkscheepje, groot 20 ton, voorzien van een beste tuigage, en een nieuwe praam, groot 7 à 8 ton. Brieven franco bij E.H. van der Zee te Joure.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Acht 7 tons open pramen, waaronder een nieuwe, tegen billijke prijzen te bekomen bij J.H. Alkema te Makkum. Brieven Franco.


09 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Volgens brief van kapt. Butenuth, voerende het Nederlandse schip MENTOR, de 15e oktober van Soerabaja naar Banda vertrokken, was hij de 10e november aldaar gearriveerd en na ontlossing van de gedeeltelijke lading, de 20e dito naar Amboina vertrokken, alwaar het schip de 23e daaraanvolgende was aangekomen. De gezagvoerder dacht omstreeks 4 december de terugreis naar Java aan te nemen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Het Nederlandse schip WILDEMAN, kapt. Driest, de 12e december te Buenos Ayres van Londen gearriveerd, had zware storm doorgestaan, waarbij de grote mast gesprongen was en hij meer andere schade bekwam. Het schip was echter dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 5 februari. Het Nederlandse schip ZAANSTROOM, kapt. Driest, van Batavia naar Amsterdam, hetwelk alhier de 25e januari lek enz. is binnengelopen, is nagezien en is begonnen de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 6 februari. Heden is alhier wegens gebrek aan brandstof binnengelopen het schoefstoomschip BERENICE, kapt. De Boer, van Rotterdam naar Genua bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blankenese, 6 februari. Nadat uit het schoenerschip ANJA SIETSIA, kapt. Huisman, heden wederom een gedeelte van de lading in een lichter gelost was, gelukt het eindelijk aan de stoomsleper gedurende de heden invallende hoge vloed het schip vlot te krijgen en het naar Hamburg te slepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op vrijdag 15 februari 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van logementhouder J.P. Scherpbier te Oude Pekela, zal publiek worden verkocht 17/30 aandeel in het schoenergaljootschip STELLA MARIS en wel in onderdelen van 1/30, gevoerd door kapt. R. Harding te Oude Pekela, groot 134 tonnen, gebouwd in de jare 1854.
Mr. F. Roessingh, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. A.J. De Sitter, notaris te Winschoten, gedenkt op woensdag 13 februari 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van logementhouder A.S. Nies te Winschoten publiek te verkopen het galjootschip ARENTINA ROELFINA, gevoerd door kapt. H.K. Boon, gebouwd in 1855, groot 124 ton, in 1866 geklasseerd 3.3 1.1 zoals hetzelve thans is liggende te Londen, met opgoederen en toebehoren, waarvan de inventaris op de gewone plaatsen ter lezing ligt en op franco aanvrage bij de notaris te bekomen is.


10 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 februari. Volgens telegrafisch bericht uit Nieuwediep is gisterenavond op de Noorder Haaks gestrand het Amerikaanse fregatschip ADDISON, kapt. Sloan, de 12e oktober uit Batavia met koloniale waren naar Amsterdam vertrokken. De kapitein, de stuurman en vier matrozen zijn met de reddingsboot gered; 25 man zijn verdronken, waaronder de vrouw van de kapitein en kind. Het schip is geheel uit elkander geslagen. De zee is vol drijfhout en lading, welke bestond uit 12.944 picols suiker, 1200 picols tabak en 400 picols kurkuma.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 februari. Het schip CONSTANCE, kapt. Mulder, van Makassar naar Amoy, te Manilla binnen, had niet onbelangrijke schade aan tuig en bovenschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 7 februari. De navolgende schepen liggen alhier in de haven : TWEE GEBROEDERS, kapt. Emmelkamp, van Stettin naar Bremen; VOORWAARTS, kapt. De Vries, van Engelholm naar Colchester; VIER GEZUSTERS, kapt. Post, van Eckernförde naar Nederland; JACOBINA, kapt. Klein, van Nestved naar Rotterdam; DIVERDINA, kapt. de Jonge, van Stralsund naar Engeland; EENDRAGT, kapt. De Boer, van Kiel naar Antwerpen; SOPHIA, kapt. Vonck, van Nykiöbing naar Amsterdam en JOHANNA, kapt. Brouwer, van Eckernförde naar Varel bestemd. De Eider is vrij van ijs.


11 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 februari. Gisterenavond ontdekte men hier in de richting van de Noorder Haaks een lang onderhouden vuur; spoedig kwam men tot de overtuiging dat er een schip op die noodlottige bank moest gestrand zijn. De pogingen door de wakkere bemanning van de Huisduiner reddingsboot aangewend om dat vaartuig in zee te brengen, kon door de hevige branding niet gelukken. De sleepboot ARCHIMEDES deed ook een vergeefse poging de schipbreukelingen te bereiken, wel had met gehoopt dat de nieuwe reddingboot door een van de sleepboten naar de Haak zou zijn gesleept, maar er ontbrak een Kees Dito of een Klaas Duit; om het bestuur van de boot op zich te nemen, althans het bestuur van de reddingsboot naar men zegt, zwarigheid hebben gevonden om met de boot in zee te gaan. Heden in de vroege morgen werd echter de bewuste boot naar zee gesleept en gelukte het haar de kapitein, de opper-stuurman en nog 3 man van de equipage van het scheepswrak te redden hetwelk even te voren uit elkander was geslagen. Negentien man van de opvarenden hadden hun dood in de golven gevonden; meer dan waarschijnlijk hebben zij hun toevlucht in het want gezocht en zijn bij het overboord slaan van de mast reddeloos omgekomen. De kapitein die met zijn vrouw en vijfjarig kind op de campagne van het schip stond, zag even voor de redding zijn kind verdrinken, terwijl zijn echtgenoot door een zwaar stuk neervallend hout werd verbrijzeld. De geredden zijn hier aangebracht en worden liefderijk verpleegd; de stuurman wiens arm stuk was geslagen is in het marinehospitaal opgenomen. Het schip bleek nu te zijn het Amerikaanse fregat ADDISON, kapt. Sloan, met een lading koloniale waren, van Soerabaja naar Amsterdam bestemd. De ganse dag biedt de zee en de kust een afgrijselijk schouwspel op. Zover het oog over zee gaat, ziet men wrakhout en allerlei voorwerpen van de lading die door allerlei schuiten en vletten wordt opgevist. Het schip was van een Engelse loods voorzien en men had het Westgat in plaats van het Schulpengat opgezocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 7 februari. Volgens telegrafisch bericht is heden alhier lek binnengelopen het Nederlandse schip WAALWIJK, kapt. Schaafsma, van Bahia laatst van Falmouth naar Bristol bestemd met verlies van zeilen en andere schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Datmouth, 8 februari. Het Nederlandse schip WAALWIJK, kapt. Schaafsma, heeft de fokkemast gebroken, de zeilboom, de kluiverboom, de marsra, zeilen, verschansingen, relingen enz. verloren maakte vier voet water per uur en pompte de lading op. Het is gedeeltelijk nagezien en er moet een gedeelte van de lading gelost worden om verder nagezien te worden.


12 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 februari. Volgens telegrafisch bericht is heden morgen ten 10 ure te Cuxhaven gearriveerd het stoomschip GOTHENBURG, kapt. Hus, hebbende 15 dagen reis van Palermo. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swansea, 8 februari. Het schip FORTUNA, kapt. Breckwoldt, van Porto Cabello met katoen naar Liverpool, is met opgeslagen dek en met verlies van masten te Broughton (opm: waarschijnlijk Broughton-in-Furness; positie 54º 17’ NB en 03º 13’ WL) gestrand. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping te Vlissingen op vrijdag de 15e februari 1867, des voormiddags ten 10 ure op de Nieuwendijk van het op de bank bij Breskens liggend wrak van de Franse stoomboot TIMSAH, met derzelver machine en het nog inhebbende gedeelte van de lading, bestaande in gom, bloem, zeep en lijnkoek, alsmede derzelver geborgen inventaris, zijnde : ankers, kettingen, kabels, trossen, touwwerk, zeilen, boten, rondhouten, een partij koperen buizen van de machine en verder scheepstoebehoren. Nadere informatie te bekomen bij de scheepscommissionnairs De Groof Hector te Vlissingen. Brieven franco.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op rechterlijke autorisatie zal men te Vlissingen op woensdag de 20e februari 1867 ten overstaan van de notaris Th. van Uijepieterse in de Prinsentuin, des morgens ten 11 ure presenteren te verkopen: de geborgen lading uit het bij Breskens gestrande Franse stoomschip TIMSAH, gevoerd geweest door kapt. P.G. Quille, komende van Marseille, bestemd naar Antwerpen, bestaande in circa 45000 Nederlandse ponden bloem, in balen; 6000 Nederlandse ponden Arabische gom; 1000 Nederlandse ponden witte zeep; alles gedeeltelijk door zeewater beschadigd, benevens 50000 Nederlandse ponden onbeschadigde lijnkoek, doch gedeeltelijk in stukken en eindelijk een baal mede onbeschadigde droge citroenschillen, wegende 170 Nederlandse ponden. Alles daags te voren te bezichtigen in de pakhuizen Kalkbokstraat en het Kerkenhuis. Nadere informaties te bekomen bij de scheepscommissionnairs De Groof Hector te Vlissingen. Brieven franco.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl, zal op vrijdag 15 februari 1867, des avonds te 6 uur, in het logement van de Wed. Vos & Zn. te Delfzijl publiek verkopen het wel onderhouden Nederlandse kofschip NOOIT GEDACHT, groot volgens meetbrief 129 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen en behoeften, zoals het thans is liggende in de haven van Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Singapore, 2 januari. Het schip KONING WILLEM III, kapt. Vellinga qq, van Saigon naar Hong Kong is op 9 december door een orkaan overvallen en geraakte op 12 dito tussen de klippen van de Anambas-eilanden, alwaar het vreselijk stootte en in de diepte wegzonk. De bemanning is gered en hier aangebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 11 februari. Door het Bureau Veritas is de volgende opgave gedaan van schipbreuken gedurende het jaar 1866: Het aantal verongelukte zeilschepen bedraagt 2581, dat der stoomboten 165. Daarbij komt het aantal bodems waarvan niets meer vernomen is en die dus denkelijk met man en muis vergaan zijn, bedragende 183 zeil en 3 stoomschepen. Het totaal der verliezen beloopt dus 2932. De meeste rampen (2336) zijn veroorzaakt door stranding of abandonnement, 160 bodems werden afgekeurd, 130 verongelukten wegens aanzeiling, 101 zijn verbrand, 15 in het ijs vergaan en 4 in de lucht gesprongen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop van turfschepen. Notaris Verwer te Bolsward zal in een zitdag verkopen op woensdag 20 februari 1867, nademiddags 3 uur, ten huize van Kooijenga te Witmarsum een overdekt kofscheepje, de VROUWE ANTJE, groot 18 ton, met complete inventaris, liggende te Witmarsum, bij Gerben van der Velde in gebruik; en des avonds 5 uur, ten huize van den kastelein De Boer te Pingjum een overdekt kofscheepje, de ONDERNEMING, groot 19 ton, met deszelfs inventaris, liggende te Pingjum en bij Sjoerd Nannes de Boer in eigen gebruik; dadelijk te aanvaarden.


13 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping ten overstaan van de notaris Risseeuw te Goes op zaterdag 9 maart 1867, des avonds 7 ure te Goes in het logement de Korenbeurs, ten verzoeke van heren eigenaren van het snelvarende en in uitmuntende staat zijnde schroefstoomschip DE STAD GOES, met complete inventaris, gevaren hebbende tussen Goes en Rotterdam, liggende in de Kaai te Goes, ingericht tot vervoer van passagiers, goederen en vee, voorzien met machine van 70 paardenkracht, geheel nieuwe stoomketel en glazen kajuit op het dek. Dagelijks te bezichtigen. Informaties te bekomen bij de directie te Goes en ten kantore van voornoemde notaris. Inmiddels uit de hand te koop.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Limerick, 9 februari. Het Nederlandse schip CATHARINA WILHELMINA, kapt. De Boer, van Batavia naar Schiedam bestemd, te Scattery Roads ten anker ligggende, dreef gedurende de storm van gisteren van zijn ankers en geraakte ten oosten van Foynes in het slijk op strand. Het is te verwachten dat het zonder schade zal afgebracht worden.


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag zal waarschijnlijk, ten behoeve van wie zulks zal blijken aan te gaan, publiek verkocht worden het Bremer barkschip BETTY, groot circa 586 ton, in 1856 te Brake gebouwd en in juli Ao.Po. (opm: anno passato = vorig jaar) opnieuw gekoperd en nagezien, klasse 5/6 A 1.1. Veritas voor 3 jaren, thans liggende te Batavia om van daar omstreeks 15 dezer ter gehele ontlossing via Samarang naar Soerabaija te vertrekken. Intussen wordt aan gegadigden de gelegenheid aangeboden tot bezichtiging van schip en inventaris. Nadere informaties bij de agenten, Maclaine, Watson & Co. (opm: het schip zou onder dezelfde naam onder Nederlandse vlag komen)


  JB - Javabode

Advertentie. Te koop: de snel zeilende gekoperde schoener KEMBANG DJATTIE, met deszelfs staand en lopend tuig, ankers, kettingen, zeilen enz. alles zo goed als nieuw, liggende in de rivier over de Kleine Boom. Nadere informaties bij F. Cassalette & Co.


14 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Heden voormiddag is aan de fabriek van stoom en andere werktuigen, van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij op Fijenoord, met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren raderstoomschip TIMOR, zijnde het tweede van de thans aldaar in aanbouw zijnde ijzeren raderstoomschepen voor rekening van het departement van koloniën en bestemd voor de dienst in Nederlands Indië. Het wordt voorzien van een machine van 200 paardenkrachten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Barkschip JEANETTE CORNELIA. Uit de hand te koop: het gekoperd en kopervast Nederlands snelzeilend barkschip JEANETTE CORNELIA. Te bezichtigen in de haven te Schiedam en te bevragen bij de eigenaars G. van der Vrede en E. van der Bent te Terneuzen met franco brieven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. De driemastbark TAGAL, komende van Batavia, geladen met suiker en koffie en bestemd voor Dordrecht, is de Wielingen binnengelopen, de Westerschelde opgevaren en te Hansweert het kanaal door Zuid-Beveland volgende, binnendoor naar haar bestemming vertrokken. Dat schip had een diepgang van 62 palm en passeerde de 3e van deze maand het kanaal met het meeste gemak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 18 december. Het Nederlandse schip CONSTANCE, kapt. Mulder, van Makassar naar Amoy bestemd, hetwelk de 16e dezer alhier is binnengelopen, bevorens vermeld, met schade aan tuig en bovenschip en met gebrek aan provisie, heeft heden de reis wederom voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 5 januari. De 18e december is alhier binnengelopen het Nederlandse barkschip JACOBA, kapt. Schaap, van Batavia naar Amsterdam bestemd, hebbende op de 1e december op 13°25' ZB en 90°45' OL een zware orkaan doorstaan welke 17 uren aanhield, waarbij het tuig, stengen, boten, watervaten enz. verloor, makende 6 à 7 duim water per wacht en is de 4e naar alhier gestevend om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 7 januari. Het Nederlandse schip COLUMBINE, kapt. Malbranc, is alhier de 1e dezer uit Swatow aangekomen, nadat het nabij Swatow op strand geweest is en veel slecht weder in de Chinese Zee heeft doorstaan. Het had Labuan moeten binnenlopen, wegens te kort aan water. Het zal alhier moeten dokken. (opm: zie ook JB 160267)


15 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. Volgens telegrafisch bericht uit New York is het Nederlandse barkschip HUGO GROTIUS, kapt. Ebes, van New York naar Amsterdam bestemd, waarschijnlijk bij het uitzeilen, met de loods aan boord, aldaar op strand geraakt. Er is assistentie naartoe gezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 februari. Het Nederlandse schip MARIA VERONICA, kapt. Schol, arriveerde de 26e november van Soerabaja te Tjiboes (Banka) en vertrok de 7e december van daar naar Soengeiliat, alwaar het de volgende dag aankwam. Aan boord was alles wel.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Passage naar Java wordt aangeboden met het extra snelzeilend 1ste klasse Nederlands campagne barkschip JACOB ROGGEVEEN, (800 tonnen), kapitein J. Vos van Marken, zeer gunstig in de passagiersvaart bekend; hebbende uitmuntende inrichtingen, die een hoogst comfortabele overtocht waarborgen. Het schip vaart een geëxamineerde scheepsdokter. Adres Hoyman & Schuurman te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. G. Schot, notaris te Franeker, zal op maandag den 4 maart 1867, des nademiddags om 3 uur, in de herberg de Valk te Franeker, provisioneel verkopen een hechte, wel onderhouden huizing en erf met scheepstimmerschuur en werf, op het eind van het Oostvliet, aan de Harlingervaart bij en onder Franeker, waarin het bedrijf van scheepstimmerman gedurende ene reeks van jaren is en nog wordt uitgeoefend, bij D.J. van der Zee in eigen gebruik; 12 Mei 1867 te aanvaarden, en zulks in twee percelen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een schip te koop, zijnde een mooi lang, niet hol, hecht sterk betimmerd overdekt praamschip, met roef en bollestal, groot 14 à 15 ton, met fiks tuig en al, vaarbaar klaar, bij O.L. Lantinga, scheepstimmerbaas te IJlst.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te Workum uit de hand te koop twee vaartuigen, het ene metende 38 ton, met mast, zeil en 6 fokken, ankers en ketting; het andere groot 13 ton, met mast, zeil en fok. Te bevragen bij Meindert Feenstra aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een best scheepshol, groot 17 ton; te bevragen bij S.M. de Jong, scheepstimmerman te Heeg.


16 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 februari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 17 schepen als:
Voor Amsterdam: WIJK AAN ZEE, kapt. G. Mannoury; HEBE, kapt. A.H. Kiehl; LOUIS MEIJER, kapt. G.H. Holtgreve; PRESIDENT PLATE, kapt. C.D. Julius; HONINGBIJ , kapt. J. van der Valk; KANDANGHAUER, kapt. W. Zeelt; QUINTET, kapt. L. Slijboom; JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. C.N. Gorter; HELENA EN HENRIETTE, kapt. P. J. Deterding; CORNELIA ADOLPHINA, kapt. J.G. de Roever; BATAVIA, kapt. J.D. van Dolder; ZES GEZUSTERS, kapt. R. Rutgers.
Voor Schiedam: COPERNICUS, kapt. J. Algra; HENRIETTE GERARDINA SUSANNA, kapt. P.J. Dam.
Voor Dordrecht: ARY SCHEFFER, kapt. J.G. Kunst.
Voor Middelburg: JOHANNA MARIA , kapt. E.A. Kleijnenberg; MINISTER THORBECKE, kapt. W.H. Kannegieter.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.W. Abrahamsz, G.J. Boelen, A. Roland Holst, C.S. Oolgaardt, W.Y. van Reinouts, W. van Rossem, E.C.A. Koli, G.A.L. van Santen en H.J. Daam, makelaars, zullen op maandag 11 maart 1867 des avonds ten 6 ure in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ in publieke veiling aan de meestbiedende of hoogstmijnende verkopen:
-          een extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd WILLEM EN CAREL, gevoerd door kapt. N.D. Steenveld; volgens Nederlandse meetbrief gemeten op 397 tonnen of 210 lasten, liggende aan de werf St. Joris, Hoogte van de Kadijk; met deszelfs complete inventaris. Breder bij biljetten omschreven.
-          Twee aandelen in de Sleepdienst-Maatschappij tot het Slepen van Schepen aan het Nieuwediep.
-          Een aandeel in de Sleepdienst-Maatschappij door het Noordhollandsch Kanaal, onder directie van de heren Boelen & De Haas.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met de bovengemelde makelaars of met de cargadoors Hoyman & Schuurman.


  JB - Javabode

Het overladen van schepen met passagiers is een feit, waarop reeds meermalen de aandacht werd gevestigd en dat blijft plaats grijpen ondanks de verbodsbepalingen, door verschillende regeringen daartegen in het leven geroepen. Hoezeer dit te betreuren is om de noodlottige gevolgen, welke meestal aan dergelijke overladen verbonden zijn, kan weer uit het volgende blijken. De Rotterdamse bark COLUMBINE, gezagvoerder Molbrane, vertrok in november ll. van Swatow naar Singapore, aan boord hebbende nagenoeg 1100 Chinese koelies, dat is 238 of 34 % meer dan de Engelse verordeningen toelaten, die, schoon mild op dit punt, toch slechts een vervoer toestaan van drie passagiers per 2 gemeten ton. De COLUMBINE telt 548 ton en mocht dus 822 koelies vervoeren, waarmee deze bark reeds ruim beladen zou geweest zijn. Zij laadde er echter bijna 1100, doch was dan ook genoodzaakt op haar reis Serawak binnen te lopen, waar toen bleek dat de arme koelies ten gevolge van gebrek aan voedsel en drinkwater in een ellendige staat verkeerden. Men kan hun lijden afmeten uit de omstandigheid, dat, toen het schip bij Po-punt ten anker kwam en kapitein en stuurman het vinden van water aldaar hadden opgegeven daarna een kast of luik openden, waar enige sinaasappelen bewaard werden, door het gedrang om deze versnapering machtig te worden, vijf koelies werden doodgedrukt. Sommigen sprongen overboord, om voorbijvarende inlandse prauwen te bereiken. Van de 200 vrouwen, die er aan boord waren, waren er reeds verschillende van gebrek omgekomen; 26 ander moesten naar het hospitaal gezonden worden om wonden en kneuzingen, die aan haar slechte behandeling worden toegeschreven. In 11 dagen ontvingen de koelies 8 maal eten; geen wonder dan ook, dat er bij een bezoek aan boord 3 koelies stervende werden gevonden. Serawak, dat grote behoefte aan arbeiders heeft, dankt intussen aan dit treurig voorval het bezit van enige meerdere werkkrachten, daar er ongeveer 300 koelies aldaar zullen blijven.


17 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. De heren De Vos & Zoon, agenten van de Board of Underwriters te New York, vermelden betreffende de stranding van het Amerikaanse schip ADDISON, kapt. Sloan, van Java naar Amsterdam bestemd - in ons nummer van de 11e dezer medegedeeld - het volgende:
Uit de scheepsverklaring voor de Amerikaanse consul door kapt. Sloan afgelegd, blijkt dat hij met zwaar stormweer de 7e februari het vuurschip op de Noord-Hinder passerende, de 8e ten 2 ure des namiddags zich ter hoogte van Egmond bevond (waar een loodsstation is); het weer helderde op en de wind nam af, zo zelfs dat hij zijn bramzeilen had bijgestaan; ten 3 ½ ure was hij op de hoogte van Petten; ten 4 ure ontdekte hij een grote boei; het weer was helder. Hij had een loodsboot in het gezicht die naar binnen zeilde en geen acht op hem sloeg, niettegenstaande hij al die tijd zijn loodsvlag waaiende had. (Pilot boat in sight, but steering in for the harbour taking no notice of our pilotflag, the Union Jack flying at thefore top gallant mast)Ten 5 ure des namiddags stootte het schip; het overige is bekend, de bodem verbrijzelde en met uitzondering van de kapitein en 5 man, vonden de equipage en de kapiteins vrouw en kind de dood in de golven. Het is dus een feit, dat noch bij Egmond, noch bij het binnenkomen door loodsen enige assistentie is verleend, hoewel die gevorderd werd, want indien de loodskotter geen beschikbare loods meer aan boord had om op de ADDISON over te zetten, dan nog had hij deze bodem kunnen voorzeilen. Men verneemt dat aan zijne excelentie de minister van marine namens de kapitein aangifte van het voorgevallene is gedaan, ten einde een onderzoek in te stellen.


19 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 februari. Door directeuren van de Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen zijn in hun laatstgehouden vergadering de gouden medaille en getuigschrift toegekend aan kapt. P.T. Hansen, voerende het Nederlandse stoomschip AMSTERDAM, voor de redding op de 6e januari 1867 bij stormweer uit het zuidoosten en zware ijsgang, van de stuurman en een matroos van het op de Elbe door het ijs doorsneden en gezonken galjootschip PEGASUS, kapt. J. Hauschild, die zich op een ijsschots gered hadden en daarmee bij strenge vorst en hoge zee gedurende ruim elf uren waren rondgedreven. Na veel moeite gelukte het kapt. Hansen die ongelukkigen binnen boord te krijgen en na een onafgebroken inspanning van ruim twee uren door sterke inwrijvingen als ware het tot het leven terug te brengen, waarna hij hen te Cuxhaven aan wal zette. De kapitein, een matroos en een jongen hadden bij het zinken van de PEGASUS het leven verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 februari. Volgens brief uit Mauritius, dd. 18 januari, was de lading van het Nederlandse schip JACOBA, kapt. Schaap, van Batavia herwaarts, lek aldaar binnengelopen, gedeeltelijk beschadigd gelost; men had het lek in het bovenwerk gevonden en was thans bezig het te stoppen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 februari. De reparaties van het Nederlandse schip JANNETJE, kapt. Van Striemen qq., van Batavia naar Nederland, mede aldaar (opm: te Mauritius) lek binnengelopen, waren voltooid en men was thans bezig de lading weder in te schepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Penzance, 14 februari. Het schip ZORG EN VLIJT, kapt. Mulder, te Porthleven afgekeurd en verkocht, is hier gearriveerd om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Limerick, 13 feb. Het schip CATHARINA WILHELMINA, kapt. De Boer, van Batavia naar Schiedam, ten Oosten van Foynes op het strand gezet, is met hetzelde tij in vlot water gekomen en zonder ogenschijnlijke schade aan de bodem alhier gearriveerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Heden overleed, na ene genoeglijke echtvereniging van 52 jaren en 8 maanden, aan de gevolgen van een langzaam verval van krachten, tot diepe droefheid van mij, mijne kinderen en behuwdkinderen, mijn geliefde echtgenoot Johs. Clazes Sjollema, oud scheepsbouwmeester, in den ouderdom van ruim 75 jaren.
Woudsend, de 14e februarij 1867, Doetje Ae.Boonstra, Wed. Johs.C. Sjollema, mede namens kinderen en behuwdkinderen.


20 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam op maandag 18 februari:
-          het barkschip WILLEM DANIEL, kapt. H.H. Zeijlstra, gebouwd in 1854: NLG 18.500, in slag NLG 50, koper C. Ament.
-          het brikschip JOHANNA, kapt. A. Ouwehand, gebouwd in 1854: NLG 12.000, in slag NLG 50: opgehouden.
-          het brikschip WILHELMINA MARIA, kapt. W. Postma, gebouwd in 1851: NLG 9000, in slag NLG 800, koper W. Bakker Bzn.


  JB - Javabode

Op vrijdag de 7e december 1866 vertrok het Nederlandse barkschip KONING WILLEM III van Kaap St. James naar Hongkong, geladen met ruim 9000 pikols rijst, die het te Saigon had ingenomen. Bij het vertrek was het uitmuntend weer; een flauwe koelte uit het Noorden dreef de bark bedaard voort over de effen watervlakte en met drie andere schepen in onze nabijheid, waren wij die avond ± 6 mijl benoorden genoemde Kaap gevorderd. Reeds de volgende dag veranderde het toneel. Een hoge zee, die uit het noordoosten aan kwam rollen, vergezeld van een stevige bries, die weldra tot storm oversloeg, hadden het gevolg dat het rustijzer van de voorbram-pardoen brak, de voorbramsteng bij het ezelshoofd afknapte en dat zeil verloren ging. Bemerkende dat het niet gelukte om noordwaarts op te werken, besloot de gezagvoerder oostwaarts bij de wind te houden, de Palawan of Mendora-zee door de stevenen en alzo Hongkong te bereiken. De wind werd gedurende die dag steeds oostelijker, verminderde tot marszeils-koelte en bewerkte dat wij slechts schraal zuidoost konden aanleggen. De zee was intussen geweldig hoog, het schip stampte als een bezetene, doch bleef vooreerst droog. In de morgen van de 9e ging die koelte weer in storm over, sloeg een stuk van het galjoen weg, werkte het schip zich lek en steeg de barometer tot 29º à 30º. De volgende ochtend besloot de gezagvoerder af te houden en de oostelijke passage te nemen, door de Java zee en Dampherstraat (opm: Straat Dampier), daar het schip in die positie niet langer kon blijven. Wij pompten iedere nacht 7 duim lens. Na dat besluit genomen te hebben, werd koers gezet om de zuid, waarbij ons de stroom die dag een mijl of vier hielp en wij weldra in het gezicht van eilanden kwamen. Die dag werd, nauwkeurig observerende en uitkijk houdende, zo doorgezeild, totdat wij door een vliegende storm in de nacht genoodzaakt werden bij te draaien. De volgende morgen moesten wij willens of niet, weer voortzeilen, want bijgedraaid zagen wij het behoud van het schip niet zeker. Dus werd er om de zuid gestuurd, ten einde in ruim vaarwater te komen. De wind nam echter steeds in hevigheid toe, was welhaast tot een orkaan aangegroeid, joeg het zeewater bij de masten op en maakte vergezeld van een dichte regen, dat wij niets konden vooruitzien. Omstreeks twee uur zagen wij vlak voor ons land, gingen onmiddellijk overstag en daardoor juist vrij van de branding. De gezagvoerder nam daarop zelf het roer, stuurde noord noord west achter het eiland langs, om alzo beneden de groep te komen en west te halen, verloor bij die poging de fok en voorspanning door, daar de wind aanwakkerde, de verschansing was weggeslagen, de zeilen aan flarden vlogen en het schip bijna niet meer te regeren viel. Tegen 4 uur werd het lot van het schip beslist. Een stortregen, die ons het zien belette, een hevige windvlaag die het schip op zij wierp en daarna het eensklaps op de rotsen zette, waren voldoende om die bodem te gronde te richten. Onmiddellijk sloeg dan ook het schip uit elkander en ware niet de grote mast juist tussen een paar rotsen in gevallen, waarover wij, kruipende, de vaste grond konden bereiken, het is de vraag of iemand van de schepelingen er het leven had afgebracht. Nu is er niemand vergaan. Daar zaten we op Kapinia (opm: Kapina), een van de Andaman-eilanden, zonder voedsel, zonder woning, bijna zonder kleding. Het eiland, geheel onbewoond, leverde niets dan wat water, dat zich door de regen in kuilen verzameld had en een soort van alikruiken, die wij op de rotsen vonden. Deze waren met een enkel vaatje rolpens, dat wij van het uiteengeslagen schip nog machtig werden, het enige wat ons gedurende tien dagen in leven hield, terwijl een hut, zo goed wij konden van boomtakken in elkaar geflanst, des nachts ons een schuilplaats aanbood tegen de ongestadigheid van het weer. Twee van de matrozen ondernamen de volgende dag een tocht rondom het eiland, ten einde te zien of er geen mensen woonden en ons daarvan kond te doen, maar kwamen niet terug. Wij lieten een paar dagen verlopen, doch besloten toen hen op te zoeken, waartoe wij ons en corps op mars begaven over hoge rotsen, diepe ravijnen, over omgewaaide bomen en door struikgewas. Wij liepen tot de middag, doch wij zagen onze lotgenoten niet en weldra was het ons een zekerheid, dat zij het eiland op de een of andere wijze verlaten hadden. De volgende dag weer langs het strand zoekende, zagen wij tot onze grote vreugde vissersstokken in zee staan en kregen daardoor de overtuiging dat hier vroeger of later wel mensen zouden arriveren. Dit gebeurde dan ook en door vissers werden wij na een tiendaags verblijf op Kapina overgebracht naar het eiland Siatam. Deze lieden, die ons aller hulpvaardigst bijstonden, te eten en drinken gaven en ons daarop naar de vorst van Siatam geleidden, kunnen niet genoeg worden geprezen. Hoe groot was onze verrassing, toen wij daar aankomende reeds onze twee makkers vonden, welke op gelijke wijze de route gemaakt hadden. Na verloop van een paar dagen ging onze gezagvoerder met een prauw, welke de vorst van Siatam, na lang aandringen afstond, naar hij meende naar Rio (opm: Riouw), doch kwam aan op Singapore, berichtte daar onmiddellijk de consul het ongeval, die de resident van Rio kennis gaf en zo werden wij allen weldra met een stoomboot afgehaald.


  JB - Javabode

Batavia, 20 februari. Bij een nader gehouden onderzoek is gebleken, dat hij het innemen van de steenkolen, die geladen waren in de verbrande schepen GUSTAAF ADOLF en PIETER JOHANNES, toebehoord hebbende aan de contractant S. van Hulstijn, door belanghebbenden in genen dele is verzuimd de nodige maatregelen te nemen tot drooghouding en doelmatige lading van de kolen, zodat het te dien aanzien voorkomende in de Javasche Courant van 19 oktober 1866, no. 84 onjuist is geweest.


21 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 februari. Het stoomschip GOUVERNEUR VAN EWIJCK, van Aarhus naar Amsterdam, te Mandal binnen, heeft de 19e februari na volbrachte reparatie de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 20 februari. Het schip JANTJE, kapt. Muller, van Bremen, als bijlegger naar Antwerpen, is gepasseerde nacht door een Engelse stoomboot op de hoogte van Goeree aangevaren, verloor daarbij boegspriet en was genoodzaakt de reis langs Goeree naar Antwerpen voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 februari. Volgens brief van kapt. F.H. Popken, voerende het Nederlands schip TELANAK, van hier naar Kanagawa, d.d. Bahia 27 januari was hij aldaar die dag wegens gebrek aan water binnengelopen. Hij zou de volgende dag de reis voortzetten. Alles was wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 31 december. Het Nederlandse schoenerschip WILDERVANK, kapt. Giezen, alhier de 18e dezer van Cadix aangekomen en, met zout geladen over de baar willende zeilen, stootte en bleef korte tijd zitten, doch is wederom vlot gekomen. De kapitein is beboet doordien hij de baar zonder enig signaal is overgegaan. De peilschaal toonde slechts 13½ palm en de WILDERVANK ging 14 palm diep.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 18 februari. Het schip JONGE JAN EN MARGARETHA, kapt. Jelies, met vuurvaste steen van Middlesborough herwaarts, onlangs bij Calandsoog gestrand en in veiling, is zoals het daar zat voor NLG 360,-. verkocht en is na gedeeltelijk gelost te hebben, af en in het Nieuwe Diep binnengebracht. Men zegt dat de koper daarbij geen slechte rekening zal maken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 18 feruari. Het schip MARY EN HILLEGONDA, kapt. Walters, 29 december van Batavia gearriveerd, had volgens particulier bericht bij Kaap De Goede Hoop zware stormen doorgestaan. Door een stortzee waren 5 man der equipage overboord geslagen en verdronken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping van een schoenerkofschip. Op donderdag 28 februari 1867, des avonds om 6 uur, zal ten verzoeke van de koopvaardijkapitein A.W. Bakker in het Gemeentehuis te Sappemeer, à contant, publiek worden verkocht het Nederlandse schoenerkofschip GEERTRUIDA FEMINA, groot 111 tonnen of 59 lasten, in 1849 nieuw volbouwd op de werf van scheepsbouwmeester J.U. van der Werff te Hoogezand, met al deszelfs opgoed en toebehoren, invoege is liggende te Grimsby, te bevragen bij de heer R. Meihuizen te Sappemeer en ten kantore van de notaris Mr. C. Hartman Busmann.


22 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 februari. Het schip DEN ELSHOUT, kapt. E. Akkerman, de 2e november van Batavia naar Amsterdam vertrokken en de 8e februari, in Texel binnengekomen, heeft blijkens verklaring van de opvarenden, afgelegd voor de kantonrechter te Amsterdam, zwaar stormweder aan de Kaap de Goede Hoop doorgestaan, waardoor zeilen, rondhout, enz. verloren gingen, en binnenkomende onder noodweer, in het gat van Texel driemaal gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blackwall, 20 februari. Het Nederlandse galjootschip ANTOINETTA, kapt. Christoffer, alhier van Groningen aangekomen, is door het stoomschip GIBRALTAR, komende van Cadix, aangevaren, toen het hedenmorgen nabij deze haven op zijn anker rond zwaaide, Het heeft de relingen, verschansingen en stutten van het galjootschip weggenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algoabaai, 13 januari. Het Nederlands schip CHRISTINA MARIA, kapt. De Veer, van Batavia naar Nederland bestemd, en alhier in averij binnengelopen, heeft nagenoeg de reparatie volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 januari. De 3e dezer werd te Port Elizabeth de laatste verkoping gehouden van beschadigde koffij en suiker, gelost uit de Nederlandse bark WILHELMINA JOHANNA, kapt. W. Alberts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 januari. Te Simonstad werden de 14e dezer 640 balen koffie verkocht, in beschadigde staat gelost uit het Nederlandse schip JACOBUS MARTINUS, kapt. Meppelder. Dit schip wordt nu gerepareerd en zal binnen kort naar zijn bestemming vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een in de Nederlanden gebouwd, goed onderhouden en geclassificeerd, zeer snelzeilend, gekoperd en kopervast barkschip, groot circa 300 gemeten lasten. Adres bij de makelaar W. Bakker Bz., te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen zal aldaar op maandag 11 maart 1867, ’s namiddags 4 uur provisioneel en ’s avonds 8 uur finaal, telkens ten huize van Fekkes, in het logement Benthem, in het openbaar veilen en verkopen het welbezeild kofschip, genaamd VALERIUS LODEWIJK, met deszelfs inventaris, zoals het laatst is bevaren geweest door de kapitein H. Borger Geerts, en is liggende in de haven van Harlingen, volgens Nederlands meetbrief lang 26 el 20 dm., wijd 4 el 94 dm. en hol 2 el 90 dm. en over zulks geijkt op 167 ton of 88 last. Te aanvaarden de 15 maart 1867. Nadere informatie te bekomen te Harlingen ten kantore van de heren T. Teves & Co. en te Amsterdam ten kantore van de heren Oolgaardt en Bruinier.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder De Haan te Joure zal, ten verzoeke van de heer Posthumus, kandidaat notaris aldaar, op maandag den 4 maart 1867, ’s avonds 7 uur, in het Tolhuis te Joure, in ene zitting, verkopen een in 1862 te Joure gebouwd goed onderhouden overdekt en gewegerd kofscheepje, genaamd de TWEE GEZUSTERS, groot 18 ton, met inventaris, zodanig is liggende te Joure, zijnde in 1866 gebruikt als boterschip.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een kofscheepje, groot 14 ton, met complete inventaris. Te bevragen bij A. van der Hoek te Joure, met franco brieven, of in persoon, doch niet op zondag.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop ruim een/zesde gedeelte in het veer en in de 3 schepen, varende van Menaldum op Leeuwarden en Franeker; te bevragen bij W.A. Zijlstra te Menaldum.


23 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Volgens bericht uit Rio de Janeiro, van 23 januari ll., genoot de equipage van het aldaar aangekomen Japans oorlogschip KAYOO-MAR de beste gezondheid. Het schip trof in Het Kanaal zes dagen lang hevig stormweer, doch bekwam geen schade en bleek aan alle eisen te voldoen. Het had voorts dagelijks, zonder stoom, gemiddeld 40 mijlen afgelegd. Men was voornemens de 25e januari de reis voort te zetten. (opm: dit oorlogsschip was in Nederland voor Japanse rekening gebouwd en werd onder Nederlandse vlag en met een Nederlandse bemanning uitgebracht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Het schip CHRISTINA MARIA, kapt. De Veer, van Batavia naar Amsterdam, te Algoabaai binnen, was de 15e januari van de geleden schade hersteld en zou binnen weinige dagen de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 februari. Volgens brief van de Kaap de Goede Hoop, d.d. 18 januari, was het schip ESHUN bevracht om het gezonde gedeelte van de lading, bestaande in 1852 balen koffij, 909 kranjangs suiker, 138 kisten indigo, 70 picols sapanhout, 668 schuitjes tin en 425 bossen bindrotting van het Nederlands schip WILHELMINA JOHANNA, kapt. Alberts, van Passaroeang naar Nederland, te Port Elizabeth verkocht, naar de destinatieplaats te brengen, en had hij de 4e dito gemelde haven verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 februari. Van het Nederlandse schip JACOBUS MARTINUS, kapt. Meppelder, van Batavia naar Schiedam, met schade in de Simonsbaai binnengelopen, waren 640 balen koffij beschadigd verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 februari. De lading voorzover die hier is opgevist uit het gestrande schip ADDISON, kapt. Sloan, heeft gisteren in publieke veiling opgebracht, omstreeks NLG 18.000. Naar men zegt, zal zeer veel van dat geld voor onkosten moeten worden gebruikt, zodat er voor de bergers en de assurantie zeer weinig zal overschieten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 8 februari. Het Nederlandse barkschip WILHELMINA, kapt. Willenbrink, is van Rotterdam met verscheidene gescheurde zeilen alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Louis, 15 februari. Het schip PROVIDENCE, kapt. Jacobs, van Bordeaux naar St. Malo bestemd, is alhier binnengelopen met twee voet water in het ruim en is genoodzaakt geweest om 5 vaten wijn overboord te werpen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Ten verzoeke van Mense Mattheus Kwint, van beroep grutter, voor Jan Mattheus Kwint.
-          Aangezien de gedaagde in de jare 1862 zijn woonplaats Groningen heeft verlaten ten einde als stuurman te varen.
-          Aangezien de gedaagde aan boord van het Nederlandse kofschip DRIE GEZUSTERS, kapt. J. van ‘t Hoff op 12 oktober 1863 is vertrokken van Hooksiel, gelegen in Oldenburg, welk schip was beladen met gerst en bestemd naar Londen.
-          Aangezien dat schip door storm op de gronden van Norderney heeft gestoten, tegen het einde der maand oktober met averij te Bremerhaven is binnengelopen en vandaar volgens ingekomen bericht op 28 november 1863 is vertrokken.
-          Aangezien sinds dat vertrek nooit meer iets van het schip en de bemanning enig taal of teken is ingekomen het welk onmogelijk is te achten, in aanmerking genomen de vaart van Bremerhaven op Londen, indien niet het schip met man en muis, in het begin der maand december daaraanvolgende hevige stormen was vergaan.
Ten einde van zijn in leven zijn te doen blijken. (opm: bekort)


24 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Schroefstoomboot. De notaris Roest van Limburg te Rotterdam is van mening op dinsdag de 12e maart 1867, des voormiddags ten 11½ ure, in het Notarishuis te Rotterdam bij opbod en afslag publiek te verkopen, om direct te aanvaarden, het in 1862 nieuw gebouwd, hecht en sterk ijzeren schroefstoomschip DIRKSLAND, met complete nieuwe inventaris, groot 46 tonnen, na aftrek van de machinekamer, met twee solide kostbare machines van middelbare drukking en 35 paardenkrachten, en ketel met koperen vlampijpen. Ingericht tot vervoer van passagiers, goederen en vee, en ook bijzonder geschikt voor sleepboot. De boot ligt en is dagelijks te zien te Rotterdam aan de Geldersche Kade vóór de Beursbrug, terwijl verdere informaties te bekomen zijn bij de notaris voornoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 februari. Zr.Ms. stoomschip der 2e klasse CURAÇAO is heden in het droge dok gehaald, zal opgetuigd en, zo men verneemt, met mei a.s. in dienst gesteld worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Weldadige landgenoten! Velen uwer herinneren zich voorzeker de 26e december 1866, de dag waarop het de Gebroeders Kasteleijn en C. van den Klooster, varensgezellen te Ouddorp, onder hogere bijstand mocht gelukken, om met eigen levensgevaar en meer dan gewone moed en beleid 26 manschappen van de equipage van het op de Ooster gestrande stoomschip CORNELIA, kapt. Hendriks, van een gewisse dood te redden en behouden aan wal te brengen.
Die daad, zo edel en schoon, werd door de Hoge Regering en de Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen, gevestigd te Rotterdam, waardig geacht om met zilveren medailles en getuigschriften te worden bekroond, terwijl ook de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij de redders ieder een zilver geschenk met toepasselijk opschrift vereerde.
Tengevolge van uitgestane vermoeienissen en gevatte koude mocht Pieter Kasteleijn, schipper en bestuurder van DE ONDERNEMING VAN OUDDORP, het vaartuig, waarmede de redding is volbracht, na het volvoeren van zijn menslievende daad, zich niet meer in een goede gezondheid verheugen; deze was voor altijd geknakt.
Op zondag de 17e dezer werd hij na een kortstondige ziekte, in de jeugdige leeftijd van 28 jaren, tot een beter leven opgeroepen, nalatende een weduwe met vijf kinderen, waarvan het oudste de ouderdom van nog geen zes jaren heeft bereikt.
Niet alleen verliest dat gezin een liefhebbend echtgenoot en zorgend vader, maar ook alle inkomsten nam hij mede in het zo vroegtijdig voor hem ontsloten graf.
Met bange zorg ziet zijn treurende weduwe, van alle middelen tot onderhoud van haar kinderen verstoken, de toekomst tegemoet.
Haar de liefhebbende echtgenoot terug te geven, ligt niet in onze hand, maar de toekomst minder drukkend voor haar te maken, door de wezen van een man te helpen ondersteunen, die zijn leven voor zijn medemensen opofferde, dat kunnen wij doen en daartoe zij wij zedelijk verplicht.
Daarom, landgenoten! schroomt de ondergetekende niet, om een beroep op uw zo menigmaal betoonde mensenliefde te doen.
Helpt hem in zijn pogingen tot daarstelling van een fonds, waarmede dat ongelukkige gezin kan worden ondersteund en de treurende moeder in staat worden gesteld, om haar kinderen een opvoeding te verschaffen, die hoop geeft, dat zij eenmaal, tot rijpere leeftijd gekomen, in hun eigen onderhoud kunnen voorzien en de voetstappen van hun zo vroeg ontslapen vader zullen drukken.
Gaarne is de ondergetekende, evenals de heer H. Nijgh, te Rotterdam, bereid tot ontvangst van uwe liefdegaven, zullende daaraan doormiddel van deze courant openbaarheid worden gegeven.
V. Kerkwijk, burgemeester van Ouddorp.


25 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Het schip GESINA, kapt. Riks, in ballast van Fraserburgh naar Inverkeithing, is de 6e dezer in zinkende staat door het volk verlaten, dat te Mandal aangekomen is.


26 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 februari. Het schip DE HOOP, kapt. Boer, van Uruguay naar Ipswich, laatst van Queenstown, is de 25e dezer, na op Longsand gestoten en een anker en ketting verloren te hebben, tegen een bergloon van GBP 300 te Harwich binnengebracht; het schip maakte weinig water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 februari. Het schip TELANAK, kapt. Popken, van Amsterdam naar Kanagawa, te Bahia binnen, heeft de 28e januari de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam als lasthebbende van hun meesters zullen op dinsdag 26 maart 1867, des middags ten 12 ure, in de zaal op de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek veilen de volgende barkschepen:
-          Het extra snelzeilend gekoperd en kopervast barkschip LAMMINA ELISABETH, gevoerd door kapt. F. Pot, volgens meetbrief lang 38,10 el, wijd 6,80 el, hol 5,51 el en alzo groot 634 tonnen of 336 lasten, met als deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, - zoals hetzelve is liggende aan de werf van de heren Rijkee & Co. te Katendrecht, over Rotterdam.
-          Het extra snelzeilend gekoperd en kopervast barkschip BULGERSTEIN, gevoerd door kapt. G. Geerling, volgens meetbrief lang 36,40 el, wijd 6,79 el, hol 5,25 el, en alzo groot 577 tonnen of 305 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. Dit schip is onlangs op Java nieuw gekoperd en belangrijk getimmerd.
Zullende de chronometers van beide schepen afzonderlijk worden geveild.
Nadere informaties zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 februari. Naar de Winschoter Courant van 23 februari meldt, arriveerde l.l. zaterdag alhier het nieuwgebouwde schoenerschip genaamd CATHARINA AGNES, zullende gevoerd worden door kapt. P. Diependaal, van Alkmaar, groot plusminus 260 ton, gebouwd bij K. & J. Wilkens te Veendam. (opm: 23 februari was een zaterdag; de aankomst te Groningen kan dus een week eerder hebben plaats gehad)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal, ten verzoeke van den heer Mr. Horatius Albarda, notaris aldaar, op donderdag de 7 maart 1867 provisioneel en op donderdag de 14 maart finaal, telkens des avonds 7 uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, verkopen een voor 7 jaren nieuw gebouwd overdekt schuitje, genaamd de VROUW JOHANNA, groot 16 ton, met derzelver toe- en aanbehoren, zoals het op de verkoopdagen voor het huis van Brouwer ter bezichtiging zal zijn liggende; dadelijk te aanvaarden. (opm: LC 080367 meldt dat is geboden NLG 578.)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een overdekt schip, groot volgens meetbrief 14 ton, met zeil en treil, varende in de beurt van St. Nicolaasga op Sneek. Te bevragen bij J.E. Hoekstra te St. Nicolaasga.


27 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 februari. Volgens heden ontvangen bericht uit New York dato 11 dezer is het Nederlands schip HUGO GROTIUS, kapt. Ebes, de 8e dezer van daar naar Amsterdam vertrokken, door een stoomboot gesleept en met de loods aan boord ten 4 ure in the Lower Bay op de Westbank aan de grond gevaren - bevorens in 't kort gemeld. Er is onmiddellijk assistentie naar toegezonden en hoopte men het schip, na een gedeelte van de lading in lichters gelost te hebben, des avonds van de 11e naar New York terug te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 23 februari. Het Nederlands schip INDIA, kapt. Vonck, 22 voet en 6 duim diepgaande, is hedenmorgen uit het Tyne dok gesleept en ligt aan de noordzijde van deze haven gemeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 24 februari. Het Nederlandse tjalkschip ELLINA, kapt. Dekker, van Inverkeithing naar de Eider bestemd, is heden alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 februari. Het Nederlandse galjootschip ALPHA, kapt. Tietke, van IJstad naar de Maas, is heden op deze rede met overgeworpen lading aangekomen. Het zal, zodra de lading in orde gebracht is, wederom vertrekken. Alles is wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam op maandag 25 februari:
-          het barkschip KIJKDUIN, kapt. K.G. Dekker, gebouwd in 1854: NLG 12.600, in slag NLG 1100, koper: C.S. Oolgaardt.
-          het schip VROUW DIRKJE: NLG 600, koper C. Ament
-          1/19e aandeel in het schip NEERLANDSCH VLAG: NLG 570, in slag NLG 125. Koper: P. Reineke.
-          1/32e aandeel in het schip KANDANGHAUER: NLG 775, in slag NLG 25. Koper: G.J. Boelen.
-          1/34e aandeel in het schip ASTREA: NLG 775, opgehouden.


  JB - Javabode

Advertentie. Te koop wordt aangeboden het hier te rede liggende Pruisische brikschip EXPRESS, met complete inventaris, groot 148 lasten en ladende ongeveer 4700 picols, gevoerd door kapt. Krafft en gebouwd te Stralsund in 1850 van eikenhout, kopervast en met geel metaal beslagen. Nadere informatiën bij de agenten, C. Bahre & G. Kinder.


  JB - Javabode

Namens de gezamenlijke assuradeuren hier ter plaatse zijn wij verzocht de volgende brief te plaatsen:
Batavia, 13 februari 1867. Weledele heren! In voldoening aan de uitnodiging vervat in uw geëerde missive dd. 8 dezer hebben wij ondergetekenden, F.H. W. van de Velde, oud zeeofficier, havenmeester; P. Landberg, oud scheepskapitein, expert voor Lloyd, G.F. de Bruijn Kops, oud zeeofficier, gouvernements expert en meter van schepen; J. Kloppenburg, oud scheepskapitein, expert voor Veritas en K.W. F. d’Arnaud Gerkens, oud scheepskapitein, expert voor lokale assurantie maatschappijen, ons in commissie verenigd om te beoordelen in hoeverre het verlies van de schepen ISIS en CORNELIS ANTHONIE, gevoerd door de kapiteins Torley Duwell en Bouten, aan enigerlei onvoorzichtigheid, verzuim of gebrek aan voorzorg en beleid van genoemde gezagvoerders is te wijten.” En hebben wij de eer u mede te delen: “Dat wij na gemeenschappelijk onderzoek en vergelijking de beide zee-verklaringen, door genoemde kapiteins en hun equipages afgelegd en raadpleging van de zeekaarten en van de bescheiden de plaats des onheils aanwijzende, eenparig tot de overtuiging zijn gekomen: Dat die beide schepen zijn verloren, omdat bij de altijd prijzenswaardige ijver om de reis te bespoedigen, niet die voorzichtigheid is gebruikt, noch dat beleid, die vereist werden, om een welbekende gevaar beneden wind en stroom gelegen, met veiligheid voorbij te sturen.
Wij hebben met de meeste achting de eer te zijn, Weledele heren, uw edele dienstwillige dienaren, Van de Velde, P. Landberg, G.F. de Bruijn Kops, J. Kloppenburg. Gerkens.


  JB - Javabode

Batavia, 27 februari. Volgens berichten van de Nederlandse consul te Singapore is de Nederlands-Indische bark ALEXANDRIË op haar reis van Sambas naar Singapore totaal verongelukt. Vijf der opvarenden vonden bij die gelegenheid de dood in de golven (opm: zie JB 090367).


28 februari 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam HHzn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam zullen als lasthebbende van hun meesters in de Zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1 no. 499, op dinsdag de 19e maart 1867, des middags ten 12 ure, publiek verkopen:
-          Het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip ZEEMANSHOOP, laatst gevoerd door kapt. J. Reiniersen, volgens meetbrief lang 39 el 80 duim, wijd 7 el 22 duim, hol 5 el 57 duim en alzo groot 711 tonnen of 376 lasten; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Westerhaven. Gemeld schip is gebouwd in 1853 en het laatst de 18e maart 1865 voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht binnengekomen, en alzo aan de beurt der bevrachting.
-          Het extra snelzeilend gekoperd en kopervast brikschip HOLLANDER, laatst gevoerd door kapt. D. Kruyt, volgens meetbrief lang 29 el 20 duim, wijd 5 el, hol 3 el 53 duim, en alzo groot 229 tonnen of 121 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Haringvliet.
Nadere informaties zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. De Nederlandse schepen ISIS en CORNELIS ANTHONIE, die op de Meinderts Droogte gestrand waren, zijn te Soerabaija op publieke vendutie voor NLG 162 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Schipbreuk van de ISIS. (Uit het verhaal van een ooggetuige).
De ISIS, een prachtige driemaster, hecht en stevig gebouwd, slechts een drietal jaren geleden in Amerika door de heren M. & R. de Monchy te Rotterdam aangekocht, lichtte de 16e december het anker ter rede van Pasoeroean, om de reis naar Nederland door Straat Bali te aanvaarden.
Behalve de gezagvoerder Torley Duwell, bestond de equipage uit 4 stuurlieden, 1 scheepsdoctor, 1 baas-timmerman, 1 hofmeester, 1 kok en 18 flinke rappe matrozen, terwijl als passagiers aan boord zich bevonden de voor herstel van gezondheid naar Nederland vertrekkende kapt. der infanterie Van Schendel met echtgenote en 4 kinderen (waaronder een zuigeling), mevr. de wed. Q. en twee inlandse bedienden. Ook de vrouw van de gezagvoerder met hun enig kind, een knaapje van 7 jaren, maakten de reis mede.
Een stevige bries stuwde de ISIS voort langs Java's noordkust. De 17e 's morgens was het weder andermaal zeer gunstig. Reeds vroegtijdig waren alle passagiers op het dek, om de frisse zeelucht met volle teugen in te ademen. De gezagvoerder wees de met hem de wacht hebbende 2e stuurman de boven water uitstekende klip van Meindertsdroogte aan, en met de wijsvinger op de kaart gaf hij nog enige wenken om op behoorlijke afstand van die zo gevaarlijke plaats te blijven, zodat men dan ook nog wat meer afhield.
Vlak achter ons zeilde nog een Nederlandse bark, en de passagiers maakten elkander opmerkzaam hoe onze schone driemaster het in snelheid won van genoemd vaartuig. Zo zat men vertrouwelijk bijeen, toen kwart vóór zeven ure een vreselijke schok het gehele schip deed kraken en trillen. ,,Het schip stoot!" was de angstverwekkende kreet van allen, welke door de gezagvoerder met een ,,onmogelijk!" beantwoord werd, want volgens de kaart, welke hij in handen had, stond op het punt, waarop wij ons toen bevonden, zeven vademen water; maar een onmiddellijk daarop volgende schok overtuigde allen, dat de kaart op een voor ons noodlottige wijze geen vertrouwen verdiende en dat wij werkelijk op blinde klippen hadden gestoten. Het roer werd gewend, met zeilen gemanoeuvreerd, alles beproefd wat zeemanschap en kloek beraad aan de hand konden geven, alles te vergeefs! De ons volgende bark werd gewaarschuwd voor het dreigende gevaar, maar hetzij men het wuiven met de zakdoeken en het toeroepen niet begreep, en het noodsein niet zag, of dat men niet meer bij machte was zo plotseling een andere koers aan te nemen, dat vaartuig onderging hetzelfde treurige lot.
Op de ISIS bleven equipage en passagiers zo bedaard mogelijk en bewonderde een ieder de koelbloedigheid van de gezagvoerder en de 1e stuurman Pannekoek, die, krachtdadig bijgestaan door de bemanning, beproefden om ten minste het schip te behouden. De boten werden uitgezet, de watervaten stuk geslagen, alles aangewend om het vaartuig te lichten, maar zonder het gewenste gevolg.
Het schip stootte en kraakte op ontzettende wijze; bij elke golfslag werd het vaartuig zichtbaar in de hoogte geheven en verder op de klippen geschoven, zodat bij het terugtrekken van de golven de kiel met donderend gekraak op de klippen neerviel. Bij elke stoot werd het roer 1½ voet gelicht, en weldra zag men de spaanders van de waarloze kiel in brokken rondom het schip drijven. De nood steeg al hoger en hoger. De bark, die in dezelfde toestand verkeerde, hees de noodvlag en begon te zinken, en de kostbare lading van de ISIS, bestaande o.a. uit 9110 pikols koffij, 16.000 pikols suiker, 500 pikols tin enz., werd aan de golven prijs gegeven.
De kapt. v. S. (opm: Van Schendel) had intussen de passagiers in de kajuit verzameld en sprak hun enige bemoedigende woorden toe, waarna hij in een toegeknoopte deken enige kinderklederen en een geldtrommeltje met ongeveer NLG 150 aan contanten borg en vervolgens zich gereed maakte om het vaartuig te verlaten.
In de grote boot had men wat zeiltuig geborgen, enige roeiriemen, een vaatje zoet water, een trommel, waarin men beschuit veronderstelde, en enige kledingstukken, welke men in de haast had kunnen machtig worden. Daarin namen plaats de 4e stuurman en vier kloeke matrozen, de scheepsdokter en de zieke kok, waarna de heer v. S. (opm: Van Schendel) zich liet afzakken, om de vrouwen en kinderen in het afstijgen langs de stormladder behulpzaam te wezen. – Dat bange ogenblik laat zich met geen woorden beschrijven!
Onder het bonzen van het krakende schip op de klippen danste de boot ernaast, werd nu eens opgelicht tot aan de verschansing, om dan weer plotseling tot aan het koper van de kiel neer te ploffen. Het geschrei van de kinderen, de half onderdrukte kreten van de vrouwen ontroerden het moedigste mannenhart en menigeen staarde met ingehouden adem naar de stormladder, waarlangs de schipbreukelingen de door de golven rijzende en dalende boot moesten bereiken!
Zonder ongelukken echter verlieten de passagiers het vaartuig; het zeil werd gehesen, waarbij de matroos Piet zijn duim verloor en dwars door de hoge schuimende golven hield men rechtstreeks op het strand aan, hetwelk men tegen 10 ure des morgens bereikte, waarna men de dames en kinderen uit de boot naar de veilige oever droeg.
Men was echter nu alle moeilijkheden nog niet te boven, want zover als onze blikken reikten, was het strand onbewoond. Het bleek later wel, dat wij slechts 8 palen van Batjool Marie verwijderd waren, maar hoe konden de passagiers dat weten, die dit punt van Java het eerst van hun leven betraden.
Nabij de plaats onzer landing bevond zich een praauw, toebehorende aan Boeginese handelaren, hier ook ten enenmale met de streek onbekend, maar van wie wij toch vernamen, dat er op omstreeks 8 uren afstand westelijk een kampong moest wezen. Tegen aanbod van een goede beloning wist de heer van S. (opm: Van Schendel) twee Boeginezen over te halen, om als wegwijzer te dienen, terwijl hij besloot, in weerwil van zijn ziekelijke toestand, in persoon hulp te gaan inroepen, daar een langer verblijf in de wildernis voor vrouw en kinderen zonder enige huisvesting, allen noodlottig zou kunnen worden.
Na een geschikte plaats te hebben uitgekozen voor een bivouac (opm: bivak) in de nabijheid van zoet water, ondernam die officier de reis met twee matrozen, terwijl de stuurman, twee matrozen, de kok en de scheepsdokter achterbleven ter bescherming van de vrouwen en kinderen.
De weg langs het strand, door bijna ondoordringbare bossen, door kreekjes en riviertjes was aller vermoeiendst; maar de gedachte aan de nood van dierbare wezens verleende kracht bij het passeren van gevaarlijke passages, waar de hevige branding dreigde de reizigers mede naar zee te slepen, zodat zij zich op rotsachtige gladde bodem moesten vastklemmen aan struikgewas en heesters, terwijl de golven hen over het hoofd sloegen. Drong men meer landwaarts in, dan stuitte men op moerassen en steenklompen, zodat men niet zelden op zijn schreden moest terugkeren.
Uitgeput zonk de heer van S. (opm: Van Schendel) dan ook neder en moest door de beide zeelieden worden ondersteund om de reis te kunnen vervolgen. De gedachte aan vrouw en kinderen, waaronder één nog geen vier maanden oud, die langer dan één nacht aan dat onherbergzame strand moeilijk konden doorbrengen, dreef de bekommerde vader voorwaarts, hoewel hij zich ternauwernood kon staande houden.
Omstreeks vier ure in de namiddag ontmoette men enige Madurezen, die uit vrees voor de hoge zeeën hun prauwen op strand hadden getrokken. Tegen onmiddellijke uitreiking van een aanzienlijke beloning haalde men enigen van hen over om assistentie te gaan inroepen bij de naastbij zijnde kampong. Toen echter een uur later nog geen hulp kwam opdagen, besloten de drie Europeanen, een weinig uitgerust, zelven weder daartoe pogingen aan te wenden, en namen tot gids een Madurees mede, die hen bracht in een moeilijk begaanbaar woud (zoals later bleek het bos van Soember Waroe), waarna men tegen 6 ure des avonds de vissers-kampong Tjôtik bereikte, waar men vernam dat op 4 paal afstand de grote kampong Soember Waroe lag en zich een Europees opzichter bevond met een detachement soldaten onder een onderofficier.
Men huurde van de bevolking paarden, en weldra werd de kampong bereikt, alwaar de assistent-resident van Panaroekan, de heer Baart de la Faille, zich bevond. De hulpvaardigheid van die ambtenaar zowel als van de opzichter Riems verdienen bijzondere vermelding. De schipbreukelingen hebben het aan de doeltreffende maatregelen van die heren te danken, dat reeds vóór negen ure de Bekel, Petinggie, 37 koelies met 4 tandoes en 4 paarden zich op weg bevonden om de achtergeblevenen op te zoeken.
De beide wakkere zeelieden, hoe vermoeid zij ook waren, gingen als wegwijzers met hen en namen een pot rijst mede tot versnapering van de vrouwen en kinderen.
De heer Baart de la Faille en de wedono Kesoemo zochten nog dadelijk praauwen te verkrijgen ter assistentie van de schepen, maar grote waren er niet voorhanden, en voor kleine praauwen was het niet raadzaam zich te wagen op de onstuimige golven.
Tevens werden de nodige tijdingen gezonden aan de residenten van Bezoekie en Banjoewangie, aan de agenten van het schip te Soerabaija en de resident aldaar.
De volgende morgen, 18 december ten half 2 ure, kwam de familie van de heer van S. (opm: Van Schendel) te Soember Waroe aan. Zij hadden de nacht in de boot doorgebracht uit vrees voor tijgers, en toen het bij het aanbreken van de dag scheen alsof de ISIS vlot was, was de boot na het vertrek van de passagiers weder in zee gestoken om te trachten het schip hulp te bieden; en de vrouw van de gezagvoerder had het edele, maar zeer zeker onvoorzichtige besluit genomen om met haar kind de echtgenoot en vader te gaan opzoeken in plaats van met de overige dames naar Soember Waroe te gaan. Doch des middags van 19 december, terwijl de heer van S. (opm: Van Schendel) te Soember Waroe nog wachtte op een wagen, die de assistent-resident van Panaroekan zenden zou, kwamen geheel onverwacht de echtgenote van kapt. Torley Duwell met haar kind en alle opvarenden, die de 17e de passagiers aan wal hadden gezet, ook te Soember Waroe aan.
Zij waren namelijk na het vertrek van de familie v. S. (opm: Van Schendel) in zee gestoken, doch weldra door tegenwind genoodzaakt de vorige strandingplaats weer op te zoeken. Nog altijd echter vermeenden zij de ISIS vlot te zien en zo het scheen te manoeuvreren met de zeilen, zodat, toen tegen de avond de landwind doorbrak, zij weder onder zeil gingen en tegen 8 ure de ISIS bereikten, welk schip zij echter verlaten en reeds in zoverre gezonken vonden, dat de golven over het dek spoelden. Een treurige aanblik van vreselijke teleurstelling voor de moedige vrouw van de gezagvoerder en de wakkere zeelieden, die haar vergezelden. Het schip was na het vlot worden waarschijnlijk van de verongelukte bark, zo als later vernomen werd de CORNELIS ANTHONIE, gezagvoerder Schouten, afgedreven, en daar de opvarenden van de boot bij die bark vuren zagen, veronderstelden zij dat er een stoomschip op zijde lag. Men roeide dus naar de bark, doch ook daar wachtte hen teleurstelling; zij vonden ook de CORNELIS ANTHONIE verlaten, de boegspriet, grote- en fokkemast in brand, welke laatste reeds achter over het schip lag. Men trachtte nu het strand weder te bereiken, maar het buiachtige weder dwong hen die nacht nog op zee door te brengen, zodat men eerst de volgende morgen kon landen, gelukkig slechts 3 palen van Soember Waroe verwijderd, waar men, gelijk zo even gezegd is, de familie van S. (opm: Van Schendel) dan ook aantrof.
Des middags van de 19e kwam de resident van Banjoewangie, de heer Bosch, te Soember Waroe aan en nam dadelijk maatregelen, om de bemanning van de boot naar Panaroekan te doen transporteren, terwijl die hoofdambtenaar met de meeste bereidwilligheid zijn wagen ter beschikking stelde van de schipbreukelingen, waarmede de reis naar Sitoe-Bondo werd ondernomen, alwaar de heer Baart de la Faille verder zoude zorgen voor transportmiddelen.
Door de moeilijke weg waren de reeds afgematte paarden tot trekken weinig genegen, zodat men wel gedwongen was meestal te voet te gaan; en daar vooral de kinderen dit hier niet lang in de regen konden volhouden, riep men de gastvrijheid in van de heer Rembaldo, controleur van Kapongan, die aan dat verzoek met alle voorkomendheid en belangstelling voldeed. Wij namen de volgende morgen afscheid van die familie.
De reis werd verder doorgezet, en wij ondervonden alsmede de hulpvaardigheid van de familie Fransen van de Putte, die alles aanwendde tot verzachting van de treurige toestand van de schipbreukelingen.
Enige palen verder kwam de heer Baart de la Faille en nam de reizigers mede naar zijn woning, deed aldaar de Oosterse gastvrijheid eer aan en begeleidde hen daarenboven tot Panaroekan.
Ook te Bezoekie ondervond men alle mogelijke hulp en bijstand en werd voor de schipbreukelingen de reis zeer gemakkelijk gemaakt.
Opvallend was het dus, toen men te Probolingo het tegenovergestelde moest ondervinden en zelfs met moeite die medewerking van het bestuur kon verkrijgen, waarop ingeval van schipbreuk ieder Nederlander, laat daar vrouwen en kinderen, aanspraak heeft. Bij aankomst op de 21e aldaar begaf de heer van S. (opm: Van Schendel) zich zonder dralen naar de resident, maar kon die hoofdambtenaar niet te spreken krijgen, aangezien ............hij sliep! Daardoor niet ontmoedigd, schreef de heer van S. (opm: Van Schendel) een paar regels, vermeldende zijn positie als schipbreukeling, in welke hoedanigheid men de hulp van het bestuur kwam inroepen. Het antwoord daarop luidde zeer zonderling, de bediende namelijk kwam terug, zeggende: ,,Toewan soeroe bilan toewan tidor", 't geen in goed Hollands beduidt: Mijnheer laat zeggen, dat mijnheer slaapt! De heer van S. (opm: Van Schendel) vermoedde, dat de oppasser zijn heer niet had durven wekken, waarom hij nogmaals de reden van zijn bezoek schriftelijk meldde, met de verklaring dat men voor een dame en vier kinderen, die schipbreuk hadden geleden, niets anders verlangde dan postpaarden, om de reis te kunnen vervolgen. De slapende heer liet daarop zeggen door zijn oppasser: ,,Soeroe pigi sama secretaris sadja"; men vervoege zich tot de secretaris.
Ook door de secretaris werd de hulp niet dan schoorvoetend verleend, en niet dan na herhaalde malen er met nadruk op te hebben gewezen, dat schipbreukelingen aanspraak hebben op assistentie, werd een kommies belast om ....... een modelletje te zoeken voor het opmaken van een verklaring, waarop postpaarden zouden verstrekt worden.
Nog des avonds van de 21e bereikte men Pasoeroean. Hoe geheel anders was aldaar de ontvangst, in weerwil de resident afwezig was.
Hoe voorkomend werden de schipbreukelingen aldaar ontvangen door de secretaris van de residentie, de heer Van de Ven, die alléén op de blote mededeling van het gebeurde, zonder dat daartoe nog enig verzoek was gedaan, al die maatregelen nam, welke het ogenblik noodzakelijk maakte, zodat de volgende morgen de reis naar Soerabaija kon worden voortgezet.     


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Vrachten. Nederlandse vlag. KANAGAWA bedong NLG 40 voor suiker en koffij, hier en te Samarang te laden. MAASSLUIS NLG 40 voor suiker en tabak, Oosthoek te laden. NIEUWE WATERWEG NLG 40 voor suiker en koffij, Oosthoek te laden. LICHTSTRAAL NLG 40 voor suiker en NLG 55 voor huiden, Oosthoek te laden. BANTAM NLG 40 voor koffij en suiker, hier en te Soerabaija te laden; allen naar Holland. YSTROOM GBP 2 per ton, te Soerabaija en Passaroeang te laden naar Australië en terug. TERNATE NLG 40 voor suiker te Soerabaija en Oosthoek te laden naar Rotterdam. PRINSES AMALIA NLG 40 voor suiker en koffij, licht goed in verhouding, hier en te Samarang te laden. MARY EN HILLEGONDA NLG 40 voor suiker, licht goed in verhouding, alhier, te Samarang en te Soerabaija te laden. CORNELIS WERNARD EDUARD NLG 42,50 voor koffij en suiker, NLG 50 voor thee en NLG 15 voor tin, alhier, te Cheribon en Samarang te laden, naar Rotterdam.
Ter bevrachting blijven de Hollandse schepen TJILINGSIE, LANDBOUW, PROF. V.D. BOON MESCH, KONING WILLEM II, QUINTET, PHILIPS VAN MARNIX, ALBLASSERWAARD, LOUIS MEIJER, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, JACOB, ELECTRA, DIANA, HENRIETTE, EVA JOHANNA, STAD LEYDEN, ROBERTUS HENDRICUS, SIRIUS en WIJK AAN ZEE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 februari. Ter rectificatie omtrent het schip INDIA, kapt. Vonck - zie ons nummer van gisteren, onder Shields - bedroeg de diepgang bij een lading van 1521 tonnen steenkolen slechts 20¼ voet, en niet 22 voet 6 duim. Het genoemde schip is gistermorgen ten 11 ure met een gunstige gelegenheid uit Shields naar Batavia vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 februari. Het Nederlandse schip DE HOOP, kapt. Boer, van Montevideo naar Harwich, te Ipswich binnengebracht na gestoten te hebben - zie ons no. van eergisteren - is enigszins lek en heeft anker en ketting verloren. Het zal zo spoedig mogelijk de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 25 februari. Volgens brief uit Kaap Haïti van 19 januari was de Nederlandse brik GEERT HERWIG, kapt. Smit, die dag, van Port-au-Prince komende, wegens ziekte van de kapitein aldaar binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. De Straits Times van 5 dezer meldt, dat van Riouw een kanonneerboot is gezonden naar de plaats des onheils, alwaar de gezagvoerder en 11 man van de equipage van het Nederlandse barkschip KONING WILLEM III, van Saigon naar Hongkong bestemd en op een van de Anamba's (opm: Anambas eilanden) verongelukt, zich bevinden - bevorens gemeld -, af te halen. Van de lading en de goederen van de equipage is niets gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Het Nederlandse schip DOELWIJK ligt te Samarang reeds een maand vruchteloos te wachten op een lading van 2000 picols koffij. Wegens het slechte weder is de gemeenschap met de rede nagenoeg verbroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Men meldt uit Madura: In de avond van de 18e december jl. is de brik VENUS, gevoerd door kapt. W. Kean, komende van Hongkong via Batavia en Indramaijoe, geladen met thee, suiker en rijst en bestemd naar Auckland, tussen het eiland Gilang en de vaste wal van Batoe-tali gestrand en kort daarop gezonken. De gezagvoerder en acht Europese opvarenden zijn allen gered, benevens de scheepspapieren, enige kledingstukken en de beide sloepen. Van het schip was bij laag water slechts de top van de voormast zichtbaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen zal aldaar op maandag 11 maart 1867, des namiddags te 4 uur provisioneel en des avonds 8 uur fianaal, telkens ten huize van Fekkes in het logement Benthem in het openbaar veilen en verkopen een welbezeild kofschip genaamd VALERIUS LODEWIJK, met deszelfs inventaris, zoals het laatst bevaren is geweest door kapt. H. Borger Geerts en is liggende in de haven van Harlingen. Volgens meetbrief lang 26 el 20 duim, wijd 4 el 94 duim en hol 2 el 90 duim en over zulks geijkt op 167 ton of 88 last. Te aanvaarden 15 maart 1867.
Nadere informatiën te bekomen te Harlingen ten kantore van de heren Teves & Co, en te Amsterdam ten kantore van de heren Oolgaard en Bruinier.


01 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wij vernemen van goederhand dat het voornemen bestaat om in de loop van de maand maart het alhier voor de stad liggende clipperschip met hulp-stoomvermogen 's -GRAVENHAGE voor het publiek ter bezichtiging te stellen tegen contributie van vijftig cents per persoon, zullende deze opbrengst strekken ten voordele van het Zeemans-Collegie en het Zeemanshuis. Vóór die tijd zal er geen toegang worden verleend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 februari. Het barkschip PRESTO, kapt. Teekes, van Amsterdam naar Semarang, dat reeds in het Noordhollands Kanaal door aanvaring van het schip ORTELIUS, kapt. Groote, van Batavia, schade aan de boeg en verschansing had bekomen, welke sedert gerepareerd was, is in het Nieuwediep opnieuw in het achterschip aangelopen door het schip QUARTET, kapt. Mulder, van Amsterdam naar Semarang en heeft daardoor vrij belangrijke schade bekomen, die weer met alle spoed zal worden hersteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 februari. Het Nederlandse schip HOOGEZAND, kapt. Van Driesten, van Par met pijpaarde naar Harburg (opm: nabij Hamburg), zit, volgens telegram uit Emden van heden, aldaar aan de dijk, doch zal vermoedelijk weder afgebracht kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 28 februari. In de haven van Vlissingen is aangekomen de Nederlandse schoener CLEMENS, kapt. de Kloe, van Engeland naar Vlissingen bestemd met steenkolen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 25 februari. Het Nederlandse kofschip PHÖSINX (opm: waarschijnlijk PHOENIX), kapt. Glim, met een lading lijnkoeken van Pillau naar Antwerpen bestemd, is gisteren alhier voor noodhaven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 13 februari. Het schip HUGO GROTIUS, kapt. Ebes, van hier naar Amsterdam, op de Westbank aan de grond (bevorens gemeld), ligt in 15 voet water en maakt ongeveer 15 duim water per uur. De bergers zijn druk bezig met uitgebrachte trossen te werken; men is voornemens het schip ongeveer 1000 ellen te verhalen naar een kanaal, alwaar het vlot zal komen. Een gedeelte van de lading zal echter gelost moeten worden om het schip te lichten. Tot op de laatste berichten was nog niets van de lading beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 13 februari. Het schip HUGO GROTIUS, kapt. Ebes, van hier naar Amsterdam bestemd en hetwelk de 11e dezer op de Westbank aan de grond geraakte is de 14e dezer naar alhier gesleept.


02 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. Het bericht aangaande het vertrek van het Nederlandse schip DIONYSIA CATHARINA, kapt. Berkelbach van den Sprenkel, van Banjoewangie herwaarts, ( zie ons nummer van eergisteren) is gebleken onjuist te zijn geweest, zijnde gemeld schip de 19e december van Soerabaja naar Bushire (opm: Bushir, Perzische Golf) vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding, ten verzoeke van Grietje van den Boogaard, schipperse, aan boord, voor Harm Jager, scheepskapitein, vroeger gewoond hebbende te Groningen:
-          Aangezien gedaagde met wie de eiseresse is gehuwd op 25 januari 1855 te Groningen, in het najaar van 1863 met zijn schip MARGRITHA ANTINA, van daar is vertrokken naar Londen, van Londen naar Dantzig en van deze plaats naar Harlingen en op de laatste reis door storm belopen, nog is binnen geweest te Arendal in Noorwegen.
-          Aangezien het door hem gevoerde schip van gezegde plaats is vertrokken en in de hevige storm van 3 december van gezegd jaar met man en muis is vergaan.
Ten einde van zijn in leven zijn te doen blijken. ( opm: bekort)


03 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Vlissingen van een brikschip met inventaris. De notaris Th. van Uije Pieterse zal, als lasthebbende van zijn principalen, op vrijdag 8 maart 1867, des voormiddags ten elf ure, op het stads-koffiehuis De Beurs te Vlissingen, presenteren te verkopen: het gezinkt Frans brikschip VICTOIRE, gebouwd in 1838, thans geclasseerd in de Registre Maritime P.C. 3e klasse, 2e afdeling, groot volgens meetbrief 78 ton, ladende 130 ton, zwaar gewicht; met deszelfs inventaris, zoals het is liggende te Vlissingen. Inmiddels tot 5 maart uit de hand te koop. Informaties te bekomen ten kantore van de scheepsmakelaars de heren De Groof en Hector te Vlissingen. Brieven franco.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 maart. Het schip NEPTUN, kapt. De Haan, van Windau naar Harlingen, te Bremerhaven binnen, heeft de 1e dezer de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 maart. Het schip VLINDER, kapt. De Jongh, van Dantzig naar Statenzijl, is de 20e februari te Arendal binnengelopen.


04 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.Roland Holst, C.S. Oolgaardt, J.F.L. Meyjes, W. van Rossem en W.Y. van Reinouts, makelaars, zullen op maandag de 25e maart 1867 des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris A.D.J.F. Meyjes verkopen: een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd MINISTER VAN HALL, gevoerd door kapt. O. de Haas, volgens meetbrief lang 35,10 ellen, wijd 5,68 ellen, hol 4,68 ellen en alzo gemeten op 415 tonnen of 219 lasten, liggende aan de werf Het Witte Kruis in de Kleine Kattenburgerstraat. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Hoyman en Schuurman.


05 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Kapt. W. Leverstein voerende het schip JAPARA, rapporteert het volgende in dato Hongkong 14 januari 1867: Na Bangkok 18200 picols rijst geladen te hebben, vertrokken wij van daar de 26 oktober en zijn hier de 8e dezer (opm: 8 jan 1867) gearriveerd; wij werden al dadelijk in de Chinese Zee door harde noordenwinden overvallen met om de zuid lopende stroom, vonden in de Palawan-passage vreselijke onstuimige zeeën en hevige buien; aldaar verloren wij het bovenmarszeil, bezaan en kluiver en voorbramzeil. Het schip werkte vreselijk; wij besloten onder die omstandigheden de oostelijke route te nemen. De 29e december zijnde op 14° NB en 130° 10' OL, werden wij door een snelopkomende hevige bui overvallen uit het noorden, waardoor een voormarszeil, bramstagzeil, groot stengestagzeil, grootzeil en de laatste kluiver wegwaaiden. De 1e en 2e januari aanhoudend stormweer uit het NNO; de 3e januari bij de Bashee-eilanden, des middags ten 4 ure, sloeg er een geweldige grondzee over het schip, waardoor de gehele lading werd overgeworpen en het schip op zijde viel, alzo liggende sprongen verschillende talrepen en bentzels (opm: bindsels) van het want, alsmede een hoofdtouw, fokkestag brampardoens en kluivergeijs (opm: kluiver-geien), de ra en een steng. De pomp die wij steeds gaande hielden, was ieder ogenblik onklaar met rijst. Tot de 6e januari bleef het schip zo liggen, waarna het handzamer weer werd; alstoen openden wij de luiken om de lading weer over te werken en het schip recht te krijgen, ontdekten toen dat een groot deel van de naden gesprongen waren, zodat ik genoodzaakt ben die schade hier te herstellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 januari. In Straat Banka is het Engelse schip LADY LOUISE, van China naar Engeland bestemd, op de banken benoorden de Lucipara-eilanden gestrand. De stoomschepen KONINGIN SOPHIA en SUNDA hebben tevergeefs gepoogd het schip af te brengen. De heer van Hulsteijn, superintendent van de Nederlandsch Indische Stoomvaart Maartschappij, is toen met de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE naar de Lucipara's vertrokken en hoezeer het zover naderen om trossen te kunnen aanbrengen zeer gevaarlijk was, is hij toch geslaagd, na eerst de halve lading gelost te hebben, het schip af- en met de lading behouden te Batavia aan te brengen. Het schip is beladen met 1020 ton thee en de waarde wordt boven twee miljoen geschat. Er bestaat thans geschil over hulp- of bergloon en het aanzienlijk door laatstgenoemd gevorderd bedrag, beloopt naar gezegd wordt plus minus een half miljoen. Het schip schijnt weinig letsel bekomen te hebben en moet na de helft van zijn lading in de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE te hebben overgescheept, door genoemde stoomboot op sleeptouw genomen en met grote inspanning weder in vlot water zijn gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J.C. Van Slooten, notaris te Veendam, gedenkt op woensdag 13 maart 1867, des avonds te 7 uur, in het benedenvallaatshuis van Veendam publiek à contant te verkopen het schip de TWEE GEBROEDERS, thans liggend te Amsterdam, groot 153 zeetonnen, in 1849 nieuw uitgehaald en laatst bevaren door kapt. P.H. de Jonge.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Heden avond ontsliep zacht en kalm, tot diepe droefheid van mij, mijne kinderen, zijne hoog­bejaarde moeder en verdere betrekkingen, mijn geliefde echtgenoot en der kinderen zorgdragende vader Jappe Ippes Bakker, in leven mr. scheepstimmerman alhier. Hij bereikte de ouderdom van 59 jaren en 10 maanden, waarvan ik 27 jaren en 10 maanden door de echt met hem verbonden mocht zijn.
Sloten, 1 maart 1867, G.I. Broers, Wed. J.S. Bakker
[afb]
Fort Dixcove, Ghana
(fotocollectie Wikipedia)


06 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Volgens heden alhier ontvangen berichten is de brik ST. GEORGE DE LA MINA ter rede van Dixcove (opm: Ghanese kust; positie 04º 47’ NB en 01º 57 W’L) de 2e februari l.l. verbrand. De opvarenden zijn gered. Bijzonderheden ontbreken. (opm: vergelijk met PGC 090367)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg an het IJ te Amsterdam op maandag 4 maart 1867: het schoenerschip MARIA GEERTRUIDA, gebouwd in 1856, kapt. A. Caspers: NLG 7.100, koper A.J. Corver.


  JB - Javabode

Cheribon (geen datum). In de namiddag van de 16e februari is een sloep, bemand met de tweede stuurman en vier Europese matrozen van het te Plaijangan tot het lossen van steenkolen ten anker liggende Nederlandse koopvaardijschip SOUBURG, kapt. Swart, naar de wal roeiende, omgeslagen, met het ongelukkig gevolg dat de tweede stuurman, genaamd C.D. Walter en de twee matrozen, met name G.W. Seger en C. Falck, zijn verdronken. De lijken der twee matrozen zijn de volgende dag op het strand gespoeld, doch dat van de stuurman is nog niet gevonden.


  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie. In het begin van april aanstaande, op een nader te bepalen dag, zal de ondergetekende alhier publiek doen verkopen: het gunstig bekende, djattihouten en gekoperd Nederlands-Indisch barkschip GENERAAL MICHIELS, ladende 8000 picols, met deszelfs onlangs in Nederland geheel vernieuwd tuig en inventaris, liggende ter ontlossing van deszelfs uit Engeland aangebrachte volle lading steenkolen, ter rede van Batavia. Inmiddels ook uit de hand te koop en voor een ieder te bezichtigen, terwijl nader informaties met opgave van de complete inventaris, te bekomen zijn bij Mr. Th. Schuurman, Johzn. Batavia, 4 maart 1867.
NRC 070367
Rotterdam, 6 maart. Het schip NEPTUN, kapt. de Haan, van Windau naar Harlingen, in het Vlie binnen, is de 6e dezer op het Inschot aan de grond geraakt en had de sleepboot tot assistentie; men hoopte het met de vloed vlot zou worden.
NRC 070367
Amsterdam, 6 maart. Volgens brief van kapt. Teekes, voerende het Nederlandse schip PRESTO, de 3e dezer uit Texel naar Semarang vertrokken, was hij de volgende dag met gunstige wind bij Dungeness zeilende, alles wel aan boord.
NRC 070367
Zierikzee, 5 maart. Volgens particulier bericht is het schip HAAMSTEDE, kapt. Ter Marsch, de 2e januari ll. van Sumanap met een lading zout naar Tjilatjap vertrokken. Schip en bemanning waren in de beste staat.
NRC 070367
Ryde, 4 maart. Het barkschip OSCAR, kapt. Godde (opm: vermoedelijk buitenlander), van Batavia naar Nederland bestemd, is heden alhier binnengelopen wegens te kort aan provisie.
NRC 070367   
Point de Galle, 1 maart. Volgens telegrafisch bericht is het schip MANETTE (?) van Singapore naar Londen bestemd, in de Straat Rhio verongelukt. (opm: het vraagteken achter de scheepsnaam is door de redactie NRC geplaatst)
NRC 070367
Batavia, 29 januari. Sedert een paar dagen lag in de nabijheid van de rivier van Goa, op de bekende nauwe passage tussen reven (opm: riffen), ten anker de Nederlands Indische brik BUZIK MABROOK, gezagvoerder Said Aboebakar, komende met een lading rijst van Bali voor hier bestemd. Ten gevolge van de zware winden en de weinige ruimte die het vaartuig had, durfde de gezagvoerder het niet wagen naar de rede te komen. Op verzoek van de eigenaar van die lading rijst, de Chinees Auw Tjie-Ing, aan de stations-commandant de kapitein ter zee J.W. de Ruijter de Wildt, vertrok op diens bevel gistermorgen Z.M. stoomschip BALI ter assistentie en bracht de brik nog diezelfde dag hier ter rede. Ware dit vaartuig niet tijdig van die gevaarlijke plaats verwijderd, dan zou het waarschijnlijk op één van de reven (opm: riffen) zijn geworpen. Naar wij vernemen had het intussen reeds het roer verloren.
NRC 070367 
Batavia, 29 januari. De 10e dezer strandde des morgens om 10 uur op de Karang Hadjie het Engelse barkschip CONHEATH, van Singapore naar Liverpool bestemd, beladen met gambier, koffie, sago, huiden en tin. Het schip zit rondom op de klippen en is totaal verloren; er zal van de lading misschien als wind en weer het toelaten, nog iets te bergen zijn; de 11e werd het door het volk verlaten en is de gezagvoerder met de kapt. Rietschoten niet zonder gevaar door de branding rondom naar het gestrande schip gegaan om nog enige artikelen van waarde te bergen. Het was moeilijk buiten de klippen door aan boord te komen. Zr.Ms. brik PYLADES vertrok mede derwaarts met de gezagvoerder van het gestrande schip om hetzelve af te tuigen; gisterenavond hoorde, toen de gezagvoerder aan boord van de PYLADES was, dat met hoog tij reeds 4 voet water in de kajuit stond; het schip zit west ten zuid van de vuurtoren van Tandjong Kalean.
NRC 070367
Batavia, 29 januari. Vrachten zijn eer weder flauwer aan te nemen ten gevolge van de in ons vorig bericht vermelde arrivementen. De meeste schepen welke vracht aannemen werden bij gedeelten vervracht en hebben nog ruimte disponibel. Naar Amsterdam werd opgenomen Nederlands BELLATRIX à NLG 40 voor suiker te Soerabaja in te nemen. ELECTRA bekomt NLG 40 en NLG 37,50 voor suiker en NLG 60 voor licht goed. Naar Rotterdam worden beladen Nederlands PROFFESOR VAN DE BOON MESCH à NLG 40 voor suiker, NLG 37,50 voor tabak en NLG 15 voor tin in de Oosthoek te laden. DIANA NLG 40 voor suiker, NLG 50 voor thee te Semarang, Tagal en Cheribon te laden. EVA JOHANNA NLG 40 voor suiker, NLG 60 en NLG 50 voor licht goed, hier en te Semarang in te nemen. Naar New York werd tot geheime condities te Padang te laden, opgenomen het Nederlandse schip ALBLASSERWAARD. Naar Belle Isle om orders is tot geheime condities opgenomen Nederlands ROBERTUS HENDRIKUS. Voor een kustreis is opgenomen Nederlands HENRIETTE.
Onbevracht zijn nog de volgende bodems: Nederlands WILLEM POOLMAN, PHILIPS VAN MARNIX, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, LANDBOUW, TJILINGSIE, KONING WILLEM II, QUINTET, STAD LEIJDEN, WIJK AAN ZEE, HELENA HENRIETTE, MENTOR, LOUIS MEIJER.
PGC 070367
Advertentie. Op maandag 11 maart 1867, des avonds te 7 uur, zal ten huize van Mejufvrouw de Wed. Rasker aan de Noorderhaven te Groningen publiek worden verkocht een overdekt tjalkschip met toebehoren, genaamd BROEDERLIEFDE, groot 61 ton, in 1861 nieuw gebouwd, liggend aan de Groentemarkt, tussen de Ebbinge- en de Maagdenboog alhier, laatst bevaren en in eigendom behorende aan de heer B. Steffens.


08 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Volgens particulier bericht was het brikschip NIPHON, kapt. Vuijk, op de reis van Nagasaki naar Sydney, de 30e november aangekomen te Wahai op het eiland Ceram ter inname van water en verversingen en zou dezelfde dag de reis worden voortgezet. Het schip en equipage waren in de beste orde.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een nieuw schip, ruim 30 ton groot, genoegzaam klaar; te bevragen bij J. de Jong, scheepstimmerman te Leeuwarden, op het Vliet.


09 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle a.d. IJssel, 5 maart. Heden is op de werf van de scheepsbouwmeester A.P. Hoogendijk de kiel gelegd voor een ijzeren schroefstoomboot voor passagiers, goederen en vee tussen Katwijk en Leiden vice versa, voor rekening van de heer M. van der Jagt te Katwijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ningpo, 1 januari. Het schip MARIA EN HELENA is alhier de 28e december uit Taifan-woo aangekomen met verlies van verscheidene zeilen, enz., hebbende Noord-oostelijke stormen belopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op donderdag 14 maart 1867, des avonds te 7 uur, ten huize van de Wed. Duintjer te Veendam, ten verzoeke van kapt. E.G. de Boer aldaar, à contant of met handgeld, publiek verkopen het snelzeilend, goed onderhouden kofschip de SPERWER, groot ongeveer 56 roggelasten, met al diens opgoederen en toebehoren, in voege het thans is liggende te Groningen en door genoemde kapitein als gezagvoerder is bevaren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 5 maart. Volgens ontvangen bericht is het hier thuisbehorende brikschip ST. GEORGE DE LA MINA, kapt. Van Duin, op 2 februari ter rede van Inscore (westkust van Afrika) (opm: Dixcove, Ghanese kust) verbrand. De bemanning is gered. Nadere bijzonderheden zijn nog niet bekend.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New York, 19 februari. De Nederlandse bark SURINAME, kapt. Middelbergh, is de vierde dezer te Barbados afgekeurd en zal verkocht worden.


  JB - Javabode

Advertentie. Bekendmaking. De directie der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij geeft hierbij kennis dat vanaf de 15e maart a.s. de vrachten worden teruggebracht op de oude tarieven van W. Cores de Vries.
De hoofdagent der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, A. Fraser.


  JB - Javabode

Riouw, Op de 16e december zijn op de rotsachtige kusten van het eiland Soebi ( Zuid Natoena eilanden) verongelukt de Palembangse bark ALEXANDRIE, gevoerd door Kwee Gi Tjoan en een Pontianakse bark waarvan de naam onbekend is, gevoerd door de djoeragan Soegi. Van beide vaartuigen is het volk gered.


10 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart. Het schip NEPTUN, kapt. De Haan, van Windau naar Harlingen, op het Inschot aan de grond geraakt, is op 6 dezer vlot geworden en door het stoomschip MAGNET op sleeptouw genomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 9 maart. Heden is van Veere naar zee gezeild het schoenerschip VOLHARDING, kapt. Pander, geladen met stukgoederen van Middelburg naar Old Calabar.


11 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Java zal opnieuw worden uitgerust het bekende snelzeilende barkschip DEN ELSHOUT, gezagvoerder E. Akkerman. Aan boord van deze, zomede in het vervolg van alle voor de rederij van dit schip varende bodems, als de schepen : HOLLANDS TROUW, gezagvoerder F. de Vos; VERTROUWEN, gezagvoerder A. Dekker; CELEBES, gezagvoerder R.K. Teppema; BANTAM, gezagvoerder J.P. Claasen; VOORUIT, gezagvoerder ..., zal zich een genoegzaam getal life-preservers bevinden, aangezien deze rederij van mening is met het oog op de van tijd tot tijd plaats gehad hebbende strandingen, dat het verlies van mensenlevens bij zodanige rampen niet zo groot zou geweest zijn, indien de gemelde redmiddelen zich aan boord hadden bevonden. Wijders stelt deze rederij zich voor zorg te dragen dat na vertrek van iedere bodem steeds een ander schip tot vertrek wordt uitgerust, van dezelfde voldoende redmiddelen voorzien. Tevens rekent de rederij het zich tot een eer bij deze hulde te brengen aan de nagedachtenis van de ontwerper en vervaardiger van de life-preservers, genaamd A. Scheerboom. Tot meer uitvoerige inlichting gelieve men zich te vervoegen bij de makelaar W. Bakker BZ., Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 8 maart. Het Nederlandse schip MARIA JOHANNA, kapt. van Gelderen, de 27e februari van hier naar Vlaardingen vertrokken en te Paco d'Arcos ankerde, is aldaar lek gesprongen en kwam de 1e maart alhier terug om te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij rechtelijk gezag van het Amerikaanse barkschip genaamd GARIBALDI, liggende te Schiedam in de buitenhaven, lang volgens meetbrief 40 el, wijd 7 el 60 duim, hol 5 el 2 duim, en alzo groot 678 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, ingevolge inventaris, gevoerd geweest door schipper Alexander Stephen Hoyt, ten verzoeke van de heren Wambersie & Zoon, cargadoors, wonende te Rotterdam en A. Prins & Co., cargadoors, wonende te Schiedam, ten deze domicilie kiezende ten kantore van de procureur Mr. Gerardus Combertus Burger, aan de Haringvliet, wijk 12 nummer 47 te Rotterdam, requiranten uit krachte van een vonnis, gewezen door de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam de twintigste februari 1867, behoorlijk geregistreerd ten kantore van de heer ontvanger Treussart van Rappard de vijf en twintigste februari daaraanvolgende, in zake van de requiranten, als eisers, tegen voornoemde schipper Alexander Stephen Hoyt, als gedaagde, bij hetwelk deze is veroordeeld, om aan de eisers te betalen een som van NLG 30.360 wegens bodemerijschuld, met de interesten en kosten en daarvoor onder andere hetzelve schip en toebehoren speciaal verbonden en executabel en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren. De executanten hebben het voorschreven schip en toebehoren ingezet voor een som van NLG 10.000. De verkoop zal plaats hebben ter terechtzitting van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam, op woensdag de derde april 1867, des voormiddags ten elf ure precies. De memorie van lasten is gedeponeerd ter griffie van meergemelde rechtbank en kopie daarvan ligt ter visie ten kantore van voornoemde procureur Mr. Gerardus Combertus Burger bij wie nadere inlichtingen te bekomen zijn. Rotterdam, maart 1867.
Mr. G.C. Burger, procureur.


12 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 maart. Het schip HOOGEZAND, kapt. Van Driesten, van Par naar Hamburg, bij Emden op de dijk geraakt, is de 8e dezer afgebracht en zou die dag te Emden aankomen.


13 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen:
-          In het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 12 maart: het schroefstoomschip DIRKSLAND, trekgeld NLG 6500, verkocht NLG 9200.
-          In de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 11 maart: het barkschip WILLEM EN CLARA, gebouwd in 1853, kapt. N.D. Steenveld, om NLG 17.800 opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Het schip DORA, kapt. Steffens, van Bremen met petroleum naar Groningen, is volgens telegram uit Norden van heden, zwaar lek te Greetzijl (opm: Greetsiel) binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 12 maart. De 10e dezer is te Londen aangekomen het barkschip NOORDSTER, kapt. Tobiassen, de 5e bevorens uit Langesund (Noorwegen) gezeild.


14 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Z.M. de koning heeft een zilveren medaille geschonken aan kapt. W. Grainger, gezagvoerder van het Engelse schip QUEEN OF INDIA, als blijk van erkentenis voor het redden van de bemanning van het Nederlandse schip JOANNES, kapt. Zetteler, in juli 1866 gezonken. Door de Engelse regering is aan kapt. W. Dooren, gezagvoerder van het Nederlandse barkschip IDA ELIZABETH, een sextant geschonken als bewijs van erkentelijkheid voor de menslievende hulp door hem bewezen aan de gezagvoerder van de Engelse bark JANE LOWDEN in januari 1866.


15 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 maart. Het schip CHRISTINE, kapt. Beerman, van Riga naar Gent, te Kopenhagen binnen, heeft op 10 dezer, na volbrachte reparatie, de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 maart. De schepen ENGELINA, kapt. Smith, van Dantzig naar Dordrecht en ARGO, kapt. Douwes, van Dantzig naar Leith, te Dantzig uit zee terug, hebben op 8 dezer na volbrachte reparatie de reis hervat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 maart. De stoomboot ONDINE, kapt. Lovius, van Dantzig naar Amsterdam, is hier in de haven gekomen om zich van kolen te voorzien.
OHC 150367
Advertentie. Verkoping en toewijzing bij gerechtelijke uitwinning van een schip.
Op dinsdag den 9de april 1867, des voormiddags ten 10 ure, zxal ter terechtzitting van Arrondissements rechtbank te Haarlem, in het Gerechtsgebouw in de Zijlstraat aldaar, ten verzoeke van de firma Zeilinga en Compagnie, touwslagers, te Groningen gevestigd en aldaar kantoor houdende, en ten laste van Roelof Piek, schipper, als eigenaar van het na te melden schip, wonende aan scheepsboord, aan den hoogstbiedende of hoogstafmijnende worden verkocht en toegewezen:
 Een schip, zijnde een overdekt tjalkschip, genaamd HARMINA, groot 61 tonnen, liggende te Zaandam in de Binnenzaan, met al deszelfs rondhouten, staand en lopen want, zeilen, treilen en verder toebehoren.
 De veilcondities zijn neergelegd ter Griffie van de gemelde Rechtbank, en mede in te zien zowel ten kantore van de Heer G.H. Beijen, deurwaarder te Zaandam, als te kantore van den ondergetekende in de Jansstraat, wijk 1, no: 4, te Haarlem.
Willekes Macdonald, Procureur.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Witholt zal op zaterdag den 23 maart, ’s avonds 6 uur, in de herberg van T.E. Mebius te Oosterbierum, publiek, tegen strijk en verhooggeld, in ene zitting verkopen een hecht en wel onderhouden tjalkschip, met toe- en aanbehoren, thans liggende nabij Oosterbierum, eigen aan en gebruikt wordende door de weduwe en kinderen van Lucas van Houten, te aanvaarden 8 dagen na de toewijzing, en betaling van de koopschat terstond bij de aanvaarding.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Enige kennisgeving. Heden avond overleed in de ouderdom van 50 jaar, mijn geliefde echtgenoot en der kinderen zorgdragende vader Jacob van Maanen, in leven scheepstimmerman alhier.
Berlikum, 9 Maart 1867, A. Zeil, weduwe J. van Maanen, mede uit naam mijner kinderen.
N.B. De affaire zal op dezelfde voet worden voortgezet.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Munnik te Joure zal op maandag den 25 maart, ’s avonds 7 uren, in het Tolhuis aldaar, tegen contante betaling, in ene zitting verkopen:
- Ene beste overdekte praam, groot 13 ton, in gebruik bij S.A. Voetstra.
- Ene sterke overdekte praam met roef en stienstal (opm: mogelijk is bedoeld: bollestal [stierenstal]), groot 14 ton, bevaren geweest bij A.J. van der Hoek.
Beide met inventaris, dadelijk te aanvaarden, liggende in de Kolk te Joure.


16 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 21 schepen als :
voor Rotterdam : JOHANNA MARIA, kapt. M.A. Overgaauw; JULIE, kapt. F.J. Cherpion; HELENA EN ANNA, kapt. W. van Aalborg; ALMONDE, kapt. M. Pijl.
Voor Amsterdam: ELISABETH, kapt. IJ. Feenstra; ALBLASSERDAM, kapt. J. 't Hoen; JOHANNES LODEWIJK, kapt. P. van Delft; SOUBURG, kapt. M.W. Swart; HUYDECOPER, kapt. D. Forbes Browning; IJSTROOM, kapt. A. Hansen; WILHELMINA EN ELISE, kapt. A.K. Wietsma; GELDERLAND, kapt. P.J. Mulder; VIER GEZUSTERS, kapt. S.K. Otto; NICOLAAS WITSEN, kapt. J. Portengen; ANNA DIGNA, kapt. J.G. Lucas; KAAP HOORN, kapt. L.J. Dik; JACOBA CORNELIA, kapt. G. Jansen.
Voor Dordrecht: KINDERDIJK, kapt. J. Verdoes.
Voor Middelburg: ZEELANDIA, kapt. J. Botesz.
Voor Schiedam: JAN VAN GALEN, kapt. M.C. Braat; HENDRIKA, kapt. M van der Valk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Volgens een telegrafisch bericht uit San Francisco, dato 21 februari, was het barkschip MARIA LOUISA ANTOINETTE, kapt. Muysson aldaar gearriveerd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Het schip PHOENIX, kapt. Glim, van Koningsbergen naar Antwerpen, laatst van Dantzig, is de 12e dezer te Dantzig uit zee teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Het schip ZUIDERZEE, kapt. De Jonge, van Runcorn naar Harlingen, is volgens telegrafisch bericht van Londen van heden, met verlies van stengen, zeilen en andere schade door aanzeiling te Falmouth binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Blijkens akte, op de 13e maart 1867 voor de notaris Willem Simon Burger Wz., residerende te Rotterdam, gepasseerd, is door de ondergetekenden Willem Ruys Jan Danielszoon en Willem Ruys Willemszoon, beiden kooplieden, reders en assuradeurs te Rotterdam, de tussen hen bestaande vennootschap onder firma W. Ruys & Zonen, ontbonden en zulks te rekenen van de 15e maart 1867 af; zullende de tweede ondergetekende, die de zaken voor zijn eigen rekening voorzet, daartoe de gemelde firma W. Ruys & Zonen blijven voeren.
Rotterdam, 15 maart 1867. Wm. Ruys J.Dz. W. Ruys Wz.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping van een galjootschip. Op donderdag 28 maart 1867, des avonds te 6 uur, zal ten huize van J.W. Struve, logementhouder in het Gemeentehuis te Sappemeer tegen contant geld, publiek verkocht worden het in den Nederlanden thuisbehorende galjootschip JOHANNA MARIA, groot 111 ton of 59 last, met al deszelfs opgoed en toebehoren, in 1851 nieuw volbouwd op de werf van J.G. Bodewes te Sappemeer, thans liggend te Amsterdam en bevaren door kapt. W.J. Schummelketel, dagelijks te bezien. Te bevragen ten kantore van de heer M.van der Tuuk, procureur te Veendam en van de notaris Mr. C. Hartman Busmann.


  JB - Javabode

Soerabaija, 8 maart. Wij vernemen, dat het Nederlandse kopervaste schip ADMIRAAL PIET HEIN met zijn inventaris gisteren op publieke vendutie verkocht is voor de som van NLG 14.700.


  JB - Javabode

Arbitrale uitspraak dd. 7 maart 1867. Eiser: Alexander Frazer als directeur der Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij (opm: verder NISM) contra de firma Maclaine,Watson & Co. als agenten van het Engelse barkschip LADY LOUISA.
Eiser stelde:
-          Dat het geladen Engelse barkschip LADY LOUISA op de 1e januari 1867 op een der Lucipara banken heeft gestoten en daarop is blijven vastzitten.
-          Dat de 3e januari daaraanvolgende de stoomschepen KONINGIN SOPHIA en SUNDA (opm: beide van de NISM) vruchteloze pogingen hebben aangewend om de LADY LOUISA vlot te krijgen, doch dat de KONINGIN SOPHIA zijn reis naar Singapore moest vervolgen.
-          Dat via de gezagvoerder van de KONINGIN SOPHIA bericht van het gebeurde aan eiser heeft gezonden, die de Engelse consul te Batavia van e.e.a. heeft verwittigd.
-          Dat eiser toen het stoomschip MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE (opm: van de NISM) naar de plaats des onheils heeft gezonden, welk schip de 7e des avonds in de nabijheid van de LADY LOUISA is gekomen.
-          Dat tussen de ochtend van de 8e en de ochtend van de 10e januari zonder ophouden pl.m. 5000 kisten thee uit de LADY LOUISE aan boord van de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE zijn gebracht.
-          Dat de LADY LOUISE door deze vermindering harer lading bijna vlot raakte en vervolgens door de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE werd vlot getrokken en naar Batavia gesleept, alwaar zij op 11 januari arriveerden, alwaar bleek, dat de LADY LOUISA en de lading slechts onbeduidende schade hadden geleden.
-          Dat de waarde van schip en lading gesteld kan worden op anderhalf miljoen gulden, terwijl het bergloon bij dreigend total loss in den regel ⅓ van de waarde van schip en lading bedraagt en eiser derhalve NLG 500.000 eist.
-          Dat door wind en weder ook de MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE gevaar liep verloren te kunnen gaan, welk nog nieuw schip een waarde heeft van NLG 300.000, en dat eiser ook verlies had geleden door de inzet van twee van zijn overige schepen (opm: bovengenoemd)
Gedaagde stelde:
-          Dat geen sprake kan zijn van bergloon doch slechts van hulploon
-          Dat de LADY LOUISE met haar lading op verre na nog geen NLG 1.500.000 waard was.
-          Dat de vordering van ⅓ dier waarde buitengewoon overdreven is, doch dat gedaagde geenszins ontkent hulploon verschuldigd te zijn.
Arbiters overwegen:
-          Dat eerst beslist moet worden of van bergloon dan wel van hulploon sprake is.
-          Dat op meerdere gronden (opm: alle genoemd) geconcludeerd is, dat sprake is van hulploon en niet van bergloon,
En ontzeggen eiser recht op bergloon en bepalen het bedrag van het verschuldigde hulploon op NLG 40.000, waarbij de eiser tot betaling der kosten van deze arbitrage wordt veroordeeld. (opm: zeer sterk bekort)


17 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Volgens particulier bericht is heden te Dartmouth binnengelopen, wegens tegenwind, het Nederlandse schip VRIENDSCHAP, kapt. Ter Bruggen, van Batavia naar Rotterdam bestemd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 15 maart. Het schip MINERVA, kapt. Boelens, van de Clyde naar Montevideo bestemd, is heden alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 13 maart. Wegens ijsgang is het Nederlandse schip GESINA, kapt. Deen, van Anklam naar Londen, hier in de haven gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 6 februari. Het Nederlandse barkschip LOOPUIT, kapt. Van de Hidde, van Saigon naar Hongkong bestemd, is alhier de 14e januari binnengelopen, bevorens gemeld, zijnde alhier op de kust op strand geraakt; het moet lossen.


18 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 16 maart. Het Nederlandse schip VRIENDSCHAP, kapt. Terbruggen, van Batavia naar Rotterdam, heden alhier binnengelopen - zie ons nummer van gisteren - heeft 119 dagen reis en is reeds 20 dagen in het Kanaal geweest, wegens oostelijke winden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 16 maart. Het Nederlandse schip LUCONIA, kapt. Admiraal, van Java naar Schiedam bestemd is heden alhier binnengelopen; een gedeelte van de equipage is ziek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 14 maart. Het schip GESINA, kapt. Deen, is na vergeefs beproefd te hebben in zee te komen, door het ijs genoodzaakt geworden in deze haven terug te komen. Ook het schip GERLINA, kapt. De Vries, hetwelk hedenmorgen van hier vertrok, is door het ijs teruggekomen met verlies van anker en ketting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. Bakker Bzn., W.IJ. van Reinouts en P.H. Craandijk, makelaars, zullen op maandag de 8e april 1867, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, in publieke veiling verkopen ten overstaan van de notaris C. van Zijp: het extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd BARON VAN HARDENBROEK, gevoerd door kapt. J. van Rossum, gemeten op 512 tonnen of 270 lasten, liggende aan de werf De Dageraad, einde van de Kadijk, met deszelfs complete inventaris, bij biljetten omschreven. Nader onderricht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Hoyman & Schuurman te Amsterdam.


20 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal, hoek Scheepmakershaven en Bierstraat op dinsdag 19 maart:
-          Het barkschip ZEEMANSHOOP, om NLG 20.200 opgehouden
-          Het brikschip HOLLANDER, om NLG 8900 opgehouden, doch later uit de hand verkocht om NLG 8500.
-          Chronometers, boeken en kaarten: niet verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 15 maart. Het Nederlandse brikschip ZUIDERZEE, van Liverpool naar Amsterdam bestemd, was de 11e dezer nabij deze haven en had de beide stengen verloren, doordien het de vorige morgen met een barkschip in aanzeiling was geweest. Een van de matrozen, die zeer gekwetst was, doordien hij enige dagen vroeger van boven was gevallen, is alhier dezelfde avond door de loodskotter aangebracht.


  JB - Javabode

Madura. Op de 25e februari j.l. is aan de westkant van het oostelijkste rif, de Karang Tembaga te Sumanap, gestrand het Engelse schip EDENDALE, gezagvoerder Ritchie, komende van Samarang, bestemd naar Rotterdam en geladen voor zover bekend met suiker, tabak en rotting. De equipage, sterk 23 man, heeft zich in boten gered en is te Sumanap aan wel gekomen. Volgens bekomen informaties moet het schip in liggende staat zijn, op 14 voet water vóór, 19½ achter en 4 el in het vaartuig. De nodige bevelen tot redding van de lading zijn gegeven.


21 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 18 maart. Het barkschip EGBERT (opm: mogelijk de kof EGBERTUS, kapt. H.A. Schrik), van Sulina naar King's Lynn bestemd, geraakte hedenmorgen in de sneeuwstorm bij Bembridge Ledge (opm: eiland Wight) op strand; de equipage redde zich in de boot; het schip zelf is in stukken geslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portllaen, 18 maart. Het schoenerschip CERES, komende van Aberystmich (opm: Aberystwyth) en geladen met looderts, kwam gisteren na de middag op de rede, dreef van de beide ankers en zonk weldra aan de zijde van het hoofd; het water staat aan de relingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 maart. Het schip MORGENSTER, kapt. Ulfers, van Marseille naar Yarmouth bestemd, is geheel masteloos alhier binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 maart. Het schoenerschip VESTA, kapt. Hill, van Harwich naar Bridgewater bestemd, is tegen het Nederlandse schip LUCONIA, kapt. Admiraal, van Java naar Nederland bestemd, aangedreven, waardoor het aanmerkelijke schade aan schip, tuig en zeilen bekwam; het liet de beide ankers slipppen en dreef op de bank nabij Penryn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 maart. Het Nederlandse kofschip WIEKA, kapt. Wortel (opm: moet zijn: de kof WEEA, kapt. S. Wortel), van Delfzijl naar de Oostzee, gisteren hier gepasseerd, is heden teruggekeerd, vermoedelijk om noordwaarts een veilige ankerplaats te zoeken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 20 februari. Zr.Ms. stoomschip BOMMELERWAARD, commandant Abresch, is op een reis naar de Marowijne bijna verloren geweest. De commandant Reveillère der Franse stoomboot ABEILLE heeft het gelukkig gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 maart. Heden namiddag ten 2 ure is van de Rijks Marinewerf met het beste gevolg te water gelaten Zr.Ms. schroefstoomschip 1e klasse ANNA PAULOWNA, hebbende een lengte van 80 voeten (opm: mogelijk meters).


22 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Heden werd door de heren Gebr. Visser alhier van hunne scheepstimmerwerf De Notenboom met goed gevolg te water gelaten het door hen voor rekening van de heren Hendrik Muller & Co. alhier gebouwde brikschip ELISE SUSANNE, groot ongeveer 150 lasten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 maart. Het Nederlandse schip ADRIANUS, kapt. Piebes, van Antwerpen naar Montevideo, is volgens telegram uit Londen van gisteren, lek te Scilly binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 maart. Het schip WEEA, kapt. Wortel, van Delfzijl naar Dantzig bestemd, is op 16 dezer ter rede van Elseneur teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 maart. De schepen MEINSINA, kapt. Klontje, van Bremen naar Rostock en MARGARETHA HILLECHINA, kapt. Pekelder, van Hamburg naar Ringköbing bestemd zijn op 15 dezer, wegens ijsgang te Tonningen in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 20 maart. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlands schip GEERTRUIDA MARIA van Dordrecht naar Cardiff in ballast bestemd, in de Pigwell baai op strand geraakt. Er is assistentie naar toe gezonden en men hoopt het schip met de vloed vlot te krijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 20 maart. Volgens een later telegram is het schip GEERTRUIDA MARIA, kapt. M. de Ligny, afgebracht en alhier ter rede; de schade is, zo ver men onderstelt , zeer gering.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 18 maart. Het schip ORION, kapt. Buiten, van Swansea naar Rotterdam, is heden alhier lek binnengelopen.


23 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Van een vriendelijke hand ontvangen wij het volgende: Kapt. Mets, voerende het barkschip FOP SMIT, schrijft in dato 20 dezer uit Falmouth, dat hij van de 4e tot de 18e dezer door drie hevig stormen belopen werd; de eerste op de Gronden en de beide anderen onder Goudstaart, waarvan de laatste de hevigste was. Het schip werkte vreselijk; de kuil stond vol water en kon men met de beide pompen het schip niet lens houden. Nadat de storm bedaard was, stond er twee voet water bij de pomp: alle zeilen zijn zwaar gehavend, vele gescheurd en verloren. De stuurmachine is gebroken. Op de hoogte van Mauritius werden zij nog door een orkaan belopen, waarin zij de beide boven- en ondermars-fok- en stagzeilen totaal verloren. Alhier zal hij slechts het hoogst nodige aanschaffen en bij gunstige gelegenheid de reis vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremen, 20 maart. Het schip FAMILIE, kapt. Pekelder, van Harlingen komende, is, na twee dagen bij de witte ton aan de grond gezeten te hebben, de 15e naar Harlingen teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 19 maart. Het Nederlandse schoenerschip ADRIANUS, kapt. Piebes, van Antwerpen naar Montevideo bestemd en geladen met stukgoederen, werd de 13e dezer op de hoogte van Scilly gezien als zijnde in gevaar. Een boot werd dadelijk met loodsen bemand en ging op het schip af, hetwelk op een afstand van omstreeks 10 mijlen was; er stond aldaar een hoge zee. Toen de boot langs het schip was, werd aan dezelve gemeld, dat er 5 voet water in het schip was en het in een zinkende staat verkeerde. Men had het marszeil tegengebrast; de equipage had de ene boot uitgezet en was bezig de tweede boot eveneens uit te zetten, om daarmee het schip te verlaten. De loodsen gingen, niettegenstaande de aanmerkingen aan boord en peilden de achterpomp, toen zij bevonden dat er slechts 1 voet en 7 duim water in het schip was. Dadelijk namen zij het bevel van het schip op zich en brachten het in Scilly binnen - gisteren reeds gemeld. Nadat het schip ten anker lag, werd het water uitgepompt en daarna maakte het niet meer dan ¾ duim water per uur. De 15e dezer werd het langs de kaai verhaald en maakte aldaar zeer weinig water en daarenboven schijnt het zeer weinig schade bekomen te hebben. Daarentegen is het schip zeer diep geladen, als hebbende omstreeks 95 ton ijzer in.


25 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 23 maart. Heden is alhier lek binnengelopen het schip JULIUS, kapt. Groenewoudt, met schoon dek, met een gedeelte van de lading overboord geworpen en met verlies van verschansingen, relingen, stutten enzovoort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 22 maart. Heden is alhier met schade binnengelopen het Nederlandse schip CERES, kapt. De Haan, van Newcastle naar Livorno bestemd; er wordt gemeld dat het ook lek is. (opm: vergelijk met PGC 260367 en NRC 200467)


26 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Het Nederlandse schip SPERWER, kapt. Huisman, van Gonaïves naar Antwerpen, is, volgens telegram uit Lissabon, dd. 23 dezer, aldaar lek, met verlies van zeilen en na een gedeelte van de lading overboord geworpen te hebben, binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 22 maart. De kof WIEKA, kapt. Wortel (opm: moet zijn: de kof WEEA, kapt. S. Wortel), welke op 16 dezer wegens ijsgang noordwaarts moest vluchten, is heden weer hier ter rede voor anker gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 maart. Het schip HELLEVOETSLUIS, kapt. Reins qq, van Batavia naar Nederland, is volgens telegram uit Cadiz van gisteren, aldaar met schade binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 maart. Het schip CERES, kapt. De Haan, van Newa (opm: moet zijn: Newcastle) naar Livorno, is op 21 dezer lek, met verlies van zeilen en andere schade te La Roque (opm: bedoeld is waarschijnlijk: The Rock; bijnaam voor Gibraltar) binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris R. Barends te Langweer zal op maandag den 1 april 1867, ‘s namiddags 2 uur, ten huize van den logementhouder Tulleners te Lemmer, in ene zitting, publiek presenteren te verkopen voor Marten Harms Prins een hektjalkschip, de VROUW JANNA genaamd, groot 63 ton, met staand en lopend want, mast, zwaarden, zeilen, ankers, haken, bomen en verdere complete inventaris, bij de eigenaar in gebruik, welk schip ter bezichtiging ligt te Lemmer bij de Visscherburen; te aanvaarden na de toewijzing. Betaling 1 mei en 1 november 1867.


27 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 24 maart. Volgens telegrafisch bericht is het schip NAVIGATOR, kapt. Bockelmann van Liverpool naar Batavia bestemd, hetwelk alhier de 18e dezer is binnengelopen met weggeslagen top van de fokkemast enzovoort, nagezien geworden en is niet lek, doch moet een derde gedeelte van de lading lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal, hoek Scheepmakershaven en Bierstraat op dinsdag 26 maart:
- het schip LAMMINA ELISABETH, groot 634 tonnen, verkocht om NLG 16.800; chronometer om NLG 205, barometer om NLG 16, kaarten en boeken om NLG 43.
-          Het schip BULGERSTEYN, groot 577 tonnen, bij opbod NLG 15.400, afgemijnd op NLG100 daarboven; chronometer NLG 190, kaarten en boeken NLG 10.
In de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 25 maart:
-          het barkschip MINISTER VAN HALL, gebouwd in 1854, kapt. O. de Haas, NLG 12.000, in slag NLG 90, opgehouden.
-          1/32e aandeel in het barkschip PETRONELLA CATHARINA, NLG 320, in slag NLG 125, koper W.A. van Reinouts.
-          1/32e aandeel in het barkschip MARGARETHA SIMONETHA, NLG 150, opgehouden
-          1/32e aandel in het barkschip EENSGEZINDHEID, NLG 400, in slag NLG 50, koper J.F.L. Meyjes.
-          1/32e aandeel in het barkschip WAALSTROOM, NLG 420, in slag NLG 50, koper: idem
-          1/32e aandeel in het brikschip WALBORG, NLG 60, in slag NLG 20, koper: idem.
-          1/64e aandeel in het barkschip HENRIETTE GEERTRUIDA, NLG 300, in slag NLG 150, koper G.J. Boelen.
-          1/64e aandeel in het barkschip HERMINE MARIA ELISABETH, NLG 200, in slag NLG 50, koper C.S. Oolgaardt.
-          1/28e aandeel in het brikschip MATHILDA, NLG 350, in slag NLG 50, koper idem.
-          1/30e aandeel in het schoenerschip MAGDALENA JOHANNA, NLG 170, in slag NLG 80, koper idem.
-          1/130 aandeel in het barkschip PIETER ADOLF, NLG 310, in slag NLG 200, koper G.A.L. van Santen.
-          1/16e aandeel in het brikschip ZEENIMPH, NLG 260, in slag NLG 150, koper C.A. Schröder.
-          Een aandeel à NLG 1000 in de Nederlandsche Kofscheepsreederij, 19½%, in slag NLG 1½%, koper idem.
-          Een aandeel à NLG 1000 in de Nederlandsche Ketting-Stoom-Sleepboot-Maatschappij, 15½%, in slag 3%, koper E.C.A. Koli.
-          Een aandeel à NLG 500 in de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, 82%, in slag 2%, koper A. Rocquette.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 25 maart. De op de Noorderhaaks gestrande Engelse schoener CLYDE is niet afgebracht kunnen worden en zal waarschijnlijk weg zijn. Men heeft een gedeelte van het tuigage geborgen.


  JB - Javabode

De 24e dezer is van Batavia vertrokken naar Samarang, Soerabaija en verder naar Japan het Nederlands-Indische stoomschip PETER LANDBERG, gevoerd door kapt. Van der Steen. (opm: het schip zou in Japan verkocht worden)


  JB - Javabode

Soerabaija, 19 maart. De 24e februari jl. vertrok de Nederlands-Indische schoener MARIA, gezagvoerder Berest, van Pagattan naar Java en trachtte te vergeefs op te werken met een zware dicht gereefde marszeilskoelte en in hevigheid toenemende storm uit het zuidwesten, zodat de gezagvoerder genoodzaakt was ten anker te gaan onder de wal ter hoogte van Tandjassem, om op gunstiger wind te wachten. Twee dagen daarna, omstreeks 1 ure, kwam voor zee en wind zonder zeilen aangestormd de Nederlands Indische bark TASLIM, gevoerd door H. Ehrencron. Dat schip scheen in zinkende toestand te verkeren, tenminste er werd op de wal aangehouden, met het doel om op strand te lopen, ten einde zodoende het vege lijf te redden. Op dat gezicht lichtte de MARIA het anker, om zoveel doenlijk hulp te verlenen: de wakkere gezagvoerder hield voor de wind mee en zodra hij het in nood verkerende schip kon naderen, nam hij een gedeelte van de opvarenden over en bleef in de onmiddellijke nabijheid van het schip, alle pogingen in het werk stellende om nog te redden, wat er geborgen kon worden en zo mogelijk het ontredderde vaartuig nog behouden binnen Pagattan te brengen. In zoverre gelukte dat edel streven, dat 56 mensenlevens gered werden, men het schip in Straat Poeloe-Laut bracht en het daar onder Borneo’s wal op strand liet lopen. De gezagvoerder Ehrencron verklaart, benoorden het eiland Bawean door een zware storm uit het zuidwesten te zijn belopen, waarbij hij alle zeilen had verloren, het schip zwaar lek was gesprongen door het hevig beuken van de geweldige stortzeeën, zodat het plan toen reeds bij hem opkwam, het geteisterde vaartuig op de wal te zetten nabij Tandjong Selatan. De heer Berest toonde bij deze gelegenheid een kloek, manmoedig en beleidvol zeeman te wezen, waarop weleer het kleine Nederland terecht zo trots was, omdat mannen van die stempel niet overal worden aangetroffen.


28 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 februari. Vrachten blijven lusteloos. De reeds naar Nederland ladende schepen vullen langzamerhand op, terwijl nog opgenomen werden de Nederlandse schepen LANDBOUW à NLG 40 voor suiker en NLG 37,50 voor koffiej en rijst te Soerabaja voor Rotterdam in te nemen; MENTOR, à NLG 50 voor koffij en NLG 55 voor lichtgoed te Padang te laden naar Amsterdam; ANNA à NLG 40 voor suiker te Tagal in te nemen voor Rotterdam; TJILINGSIE laadt te Soerabaja à NLG 40 voor suiker en koffij, NLG 37,50 voor rijst en NLG 35 voor tabak naar Amsterdam. Deens ROTA, bekomt NLG 40 voor suiker te Soerabaja naar Rotterdam aangelegd, evenals te Semarang Nederlands KONING WILLEM II naar Amsterdam.
Onbevracht zijn de volgende Nederlandse schepen, waaronder enkele reparerende en lossende bodems: WILLEM POOLMAN, PHILIPS VAN MARNIX, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, QUINTET, STAD LEIJDEN, WIJK AAN ZEE, HELENA HENRIETTE, LOUIS MEIJER, ELISABETH JACOBA, MARIA CATHARINA, JOHANNA MARIA CHRISTINA, KANDANGHAUER, en SALATIGA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 maart. Volgens brief van kapt. F. Hollanders, voerende het Nederlandse schip PASSAROEANG, van Batavia in Texel binnen, had hij van de 9e tot de 17e dezer zware stormen doorgestaan, waarbij het schip veel water maakte, zeilen, luiken, een gedeelte van de verschansingen, enz. verloren gingen en hij schade aan tuigage bekwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 maart. Volgens telegram uit Falmouth van gisteren, was op de hoogte van Lizard een Nederlands schip, te Dordrecht te huis behorende, van Batavia met koffij en suiker naar Rotterdam, verongelukt; de naam onbekend. De passagiers, bestaande uit drie dames en drie heren, benevens de equipage, met uitzondering van 1 man die gered is, zijn daarbij omgekomen. (opm: de JHR.MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK, zie NRC 290367 en volgende)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 12 maart. Het barkschip BALTIMORE, kapt. Meijer, hetwelk alhier gisteren van Rotterdam is aangekomen, heeft gedurende de reis zeer zware westenwinden gehad en heeft bijna een geheel stel zeilen verloren. Het heeft vier dagen lang een loods aan boord gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 februari. Na behoorlijke reparatie is de 4e dezer van Simonsbaai naar Schiedam vertrokken het Nederlandse schip JACOBUS MARTINUS, kapt. Meppelder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 februari. De Nederlandse brik CHRISTINA MARIA, kapt. De Veer, welke enige tijd geleden in Algoabaai in ontredderde staat binnenliep, is nu geheel gerepareerd en door de stoomsleepboot ST. CROIX naar de buiten-ankerplaats gesleept. De laatste verkoping van koffij, in een beschadigde staat van dit vaartuig geland, vond op 9 dezer plaats. 124 balen (in entrepot) werden verkocht voor Sh. 51/6 per 100 pond; 10 balen,inkomende rechten betaald, voor Sh. 63/-, en 4 dito à Sh. 55/-.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 februari. De oorlogstoomboot METALEN KRUIS, 2200 ton, 16 stukken, liet op 13 dezer in Tafelbaai haar anker vallen na een reis van 36 dagen van Batavia om verversingen in te nemen, met bestemming Nederland. Het état-major bestaat uit de volgende heren: commandant ter zee L. Palm; 1ste officier luitenant Visser; luitenants Lucardie, Hudig, Van Herwaarden, Hoos, De Wal, Van Rosenthal; officiers van gezondheid Ruisch en Meijers; officier van administratie Boschart. Het aantal troepen bestaat uit 212 man. Zes dagen na het vertrek van de METALEN KRUIS zou de VICE ADMIRAAL KOOPMAN mede van Batavia naar Nederland via de Kaap vertrekken; alsmede zou het transportschip JAVA spoedig de reis naar Nederland ondernemen en mede de Kaap aandoen. Waarschijnlijk zal het vaartuig morgen vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 februari. In de Simonsbaai liep zaterdag l.l. binnen het Nederlandse barkschip FREDERIK HENDRIK, kapt. Van Ameyden van Duijm, op 4 december jl. van Patjitan, zuidkust van Java, vertrokken met een lading koffij en suiker. Kort na het vertrek van het schip had het zwaar weer bekomen, waardoor het lek sprong en heeft 1 man op de reis verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie; Woensdag 10 april 1867 zal ten huize van mejufvrouw de Wed. Rasker aan het Ameland te Groningen publiek worden verkocht het best onderhouden, in 1863 nieuw gebouwde tjalkschip HARNINA (opm: mogelijk HARMINA) groot 61 ton, met complete inventaris, zoals hetzelve is liggende bij de stijfselfabriek buiten de Apoort te Groningen en bevaren wordt door kapt. Roelof Piek. Te aanvaarden 8 dagen na de toeslag. Nr. J. Van Giffen, notaris.


29 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. De kapt.t.zee Jansen zal, naar wij vernemen, benoemd worden tot commandant van het ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, hetwelk in het begin der volgende maand van Londen zal worden afgehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Volgens telegram uit Londen van heden is bij Penzance verbrijzeld een schip, te Dordrecht te huis behorende, groot 800 tonnen, van Batavia naar Rotterdam, hebbende 140 dagen reis; drie vrouwen en een kind, benevens 21 man van de equipage zijn daarbij omgekomen; een matroos is gered. Men denkt dat de lading koffij en suiker gedeeltelijk aan land zal spoelen. (opm: zie NRC 290367)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Volgens bericht uit Tafelbaai, dd.19 februari, was het schip (opm: fregat) GALILEÏ, kapt. B.S. van der Meij, van Banjoewangie naar Amsterdam, aldaar op die dag met assistentie van een stoomboot binnengesleept. Het schip had met mistig weder op de hoogte van de Houtbaai gestoten, maakte water en zou gedeeltelijk moeten lossen. Verdere bijzonderheden ontbreken, daar de mail op dat ogenblik vertrok. (opm: zie NRC 240467, 260467, 230567, 250567 en 260667)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 27 maart. Volgens telegrafisch bericht moet er een schip op de hoogte van Mullion (positie 50º 02’ NB en 05º 16 WL) verongelukt zijn; men onderstelt dat het de JHR. MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK is. Dit schijnt het schip te zijn hetwelk gisteren vermeld is als zijnde te Dordrecht te huis behorende (opm: reder J. van Wageningen, Dordrecht) met een lading naar Rotterdam bestemd en dat op de hoogte van de Lizard is gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dublin, 26 maart. Het brigantijnschip HARLEQUIN, kapt. Spitter, van Ipswich naar Kirkcudbright bestemd, is de 22e dezer op de rotsen van Grasholm Eiland verongelukt; de equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 26 maart. Het schip VENUS, kapt. Visser, van Geestemünde naar de Oostzee, is alhier voor noodhaven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paimboeuf, 24 maart. Het Nederlandse galjoootschip GEZINA ALIDA, kapt. Meijer, van Nantes naar Rotterdam bestemd, geladen met boekweit, is hedenavond langs de kaai verhaald, hebbende de lading zwaar beschadigd tengevolge van een lek dat zich geopenbaard heeft. Het heeft op een zandbank nabij de toren des Moutons gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 6 februari. Het Nederlandse schip LOOPUYT, kapt. Van der Hidde, van Saigon naar Hongkong bestemd en alhier de 14e januari binnengelopen, is afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 15 februari. Het Nederlandse barkschip VESTA, kapt. Van der Eijk, rapporteert mooi weer gehad te hebben van af de linie tot aan de Pellew Eilanden (opm: eilandengroep in het ZW van de Golf van Carpentaria); doch van daar sterke noord-ooster stormen tot aan Hongkong.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een best en goed onderhouden overdekt tjalkje, met zeil en treil, groot 17 ton, bevaren door den eigenaar J.P. Pasma, ter bezichtiging liggende bij de vijver te Leeuwarden.


30 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bolnes, 29 maart. Heden is met het beste gevolg van de werf van de bouwmeester Pas te water gelaten het nieuw gebouwde vuurschip, bestemd voor de verlichting voor de monding der rivier voor Suriname.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Heden heeft een tweede proeftocht plaats gehad met het schip
'S GRAVENHAGE (clipper-fregatschip met hulpstoomvermogen), van de rederij van de firma Van Zeylen & Decker, alhier. Deze tocht, waaraan verschillende belangstellenden hebben deelgenomen, is met het meest gewenst succes bekroond. Te rekenen van het ogenblik waarop het schip van de wal van de Willemskade werd verhaald en voorbij de Veerdam op gang werd gebracht, kwam men tegen wind en stroom opwerkende, binnen ongeveer 50 minuten voor de aanlegplaats te Schiedam. Daar het schip, wegens zijn buitengewone grootte een zeer ruim vaarwater nodig heeft tot het keren, werd er ten dien einde een sleepboot voorgebracht, die onmiddellijk na het wenden achteraan bleef, waarna men met een vijfmijlsvaart, binnen nog geen volle 50 minuten van Schiedam weer hier ter stede gearriveerd was. De machine van 80 paardenkracht, vervaardigd door de heren Diepeveen, Lels & Smit, werkte uitmuntend. Evenals al het overige, voldeed zij in elk opzicht aan de vereisten die bij zulk een proeftocht behoren geconstateerd te worden, om over de gang van het schip en de constructie van de stoomtoestellen te oordelen. Naar hetgeen ons bij deze gelegenheid bleek, is er tot nog toe ijverig gebruik gemaakt van de gelegenheid die tot en met aanstaande zondag ter bezichtiging van het schip is opengesteld. De bezoekers zullen voorzeker erkennen dat het er aan boord geen ruimte ontbreekt. Het vaartuig, ter lengte van 250, breed 45 en te rekenen van het spardek diep 40 voeten, is bovendien in de verblijven van de passagiers bijzonder net en smaakvol afgewerkt, terwijl alles er op is ingericht om de circulatie en bediening gemakkelijk te maken. De achterkajuit, ruim 20 voet in het vierkant, is rondom bezet met hutten, als gewoonlijk door schuifdeuren afgesloten. Aan de ene zijde heeft dit vertrek rechts en links een uitgang. Door elk van deze uitgangen komt men in een brede gang, aangelegd langs de lees-, rook- en badkamers, trappen enzovoort. Langs deze twee passages heeft men toegang tot de grote salon, ter lengte van 60 en ten breedte van ongeveer 20 voeten. Dit lokaal doorgaande, treft men weer twee brede gangen aan, die evenals de salon aan beide zijden bezet zijn met verschillende familiekamers en hutten, onder welke laatste er vele zijn die door wegschuiving van de afsluitingen tot familiekajuiten kunnen worden ingericht. Deze afsluitingen zijn tevens zodanig dat men tot het ongehinderde schoonmaken, luchten enzovoort, steeds langs al de slaapplaatsen een geheel afgezonderde passage kan maken. Verder naar het voorschip voortgaande, heeft men na de voorkajuit nog de pompplaats, de kombuis voor passagiers en equipage, het scheepsvolks-logies, kabelgat en wat verder aldaar behoort. De ruimte tussendeks bevat aan de achterzijde de verblijven voor de stuurlieden, de touwkasten, provisiekamers enz., en aan de voorkant die voor de onderofficieren (18 in getal) benevens een lokaliteit ter lengte van 180, breed 44 en hoog 8 voeten, ingericht voor 300 man militairen, alles afgescheiden van de ziekenverblijven, provoost, kombuis enz. Ter bevordering van de ventilatie zijn in die binnenruimte behalve 28 zogenaamde patrijspoortjes, nog vier grote luchtkokers aangebracht, terwijl het daaraan grenzende bovendeel van de machinekamer geheel is afgesloten door een ijzeren met hout omzette bekasting, om het binnendringen van warmte uit de stookplaatsen naar het verblijf van de militairen tegen te gaan. Van daar naar het ruim afdalende, komt men in de machinekamer, die bij doelmatige plaatsing van een betrekkelijk kleine ruimte inneemt en van de laadruimte geheel is afgescheiden; voorts de bergplaatsen voor steenkolen enzovoort. Het grote luik tot toegang naar het ruim en onderruim voor de lading, beslaat een opening van 220 vierkante voeten. Na de bezichtiging van dit een en ander met alle overige ruimten, verdient nog op het dek te worden opgemerkt het afzonderlijk stoomwerktuig tot het uitwerpen en ophalen van het anker en tot andere werkzaamheden, voorts de ijzeren marsra's en stengen enzovoort. De equipage bestaat uit ruim 50 man.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 28 maart. Volgens de Shipping and Mercantile Gazette onderstelt men dat het schip dat te Mullion is verongelukt, de KOSMOPOLIET is, van Dordrecht. Scheepspapieren zijn nog niet gevonden. De Lloyd List meldt ook nog het volgende: Het schip dat te Mullion verongelukt is, onderstelt men te zijn de KOSMOPOLIET van Dordrecht en niet het schip hetwelk gisteren is gemeld. (De KOSMOPOLIET I, kapt. de Groot, is de 15e januari uit Batavia vertrokken en zou dan 69 dagen reis gehad hebben. Red.) (opm: de veronderstelling m.b.t. de KOSMOPOLIET is speculatief en later onjuist gebleken)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Greenock, 28 maart. Het schip HENRIETTE, alhier binnen, rapporteert de 23e dezer, op 52° NB en 16° WL, een groot schip gezien te hebben, zwart geschilderd, met een stuwage voorsteven en vierkante achtersteven; de fokke en grote marsstengen waren gekapt. De HENRIETTE ging achter het schip om en praaide het, doch bekwam geen antwoord; wegens duisternis kon men niet goed de naam onderscheiden, doch het scheen uit zes of zeven letters te zijn; het was ongeveer 800 à 900 ton groot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 25 maart. Kapt. Mc'Auley, alhier van Bombay binnen, rapporteert de 18e dezer een Nederlands barkschip gezien te hebben, zijnde in nood; kon geen assistentie verlenen, volgens de Lloyd's List van 27 dezer vermoedde men dat bovengemeld schip was het Nederlandse schip JHR. MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK, kapt. K.F. Lammerts, van Batavia naar Nederland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Runcorn, 28 maart. Het schip ALIDA, kapt. Brouwer, alhier van Schiedam aangekomen, heeft bakboordsboeg zwaar beschadigd en heeft het anker daarbij verloren enzovoort, zijnde door een schoenerschip aangezeild geworden, toen het ten anker lag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 27 maart. Het Nederlandse schip (opm: de JHR.MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK, kapt. K.F. Lammerts) van Batavia naar Rotterdam bestemd, hetwelk gisteren te Polgen Cove, nabij Mullion is verongelukt, is onmiddellijk in stukken geslagen. Een Griekse matroos is slechts gered. De equipage bestond uit 22 man en drie vrouwen en 1 kind als passagiers. De lijken van twee vrouwen zijn aan strand gespoeld, de ene had een gouden ring met cachet aan de vinger en een kleine gouden medaillon met zwart schilderwerk aan de achterkant, hetwelk aan een gouden ketting om de hals hing, bevattende een fotografie van een jong heer, waarschijnlijk haar echtgenoot. De lading koffij en suiker is verloren, enige losse koffij is aan strand gedreven, de balen zijn gemerkt DVA met C erboven en NM eronder. De matroos die gered is kende noch de naam van het schip, noch de naam van de kapitein, maar bevestigde dat het schip te Dordrecht te huis behoorde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 27 maart. Gisteren arriveerde hier als bijlegger het Nederlandse schip WARFHUIZEN, kapt. J.P. Heijenga, van Cette, met gebroken steng, kluiverboom, verschansingen en meer andere schade.


31 maart 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 maart. Terwijl men in de laatste dagen in grote onzekerheid verkeerde welk schip het was dat op de hoogte van Mullion, op Polven Cove is verongelukt, zo blijkt uit een heden door ons ontvangen telegram uit Londen ( zie verder onder de Scheepstijdingen onder Londen), dat het de JONKHEER MEESTER VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK is geweest en niet de KOSMOPOLIET I, zoals gisteren uit de Engelse bladen is vermeld. Verder kan men daar enige bijzonderheden uit verklaringen vernemen, welke door de Griekse matroos, de enige geredde, zijn afgelegd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 maart. Wij ontvingen het volgende rapport van kapt. C.A. Malbranc, voerende het Nederlandse barkschip COLOMBINE: Singapore, 6 januari 1867. Hiermede kan ik u de aankomst mededelen van de COLOMBINE op de 1e dezer, edoch na een nare reis gehad te hebben. Dat ik, uitgaande van Swatow, door de loods aan de grond gezet ben en zwaar gestoten heb, zult gij uit mijn brief van 27 november l.l. vernomen hebben. Het schip was en bleef dicht. Wij hadden harde wind tot Poelon Sapata en vervolgens mooi weer, zodat ik met de 9e etmaal 's avonds 8 ure het vuur van Pedro Blanco op 3 mijlen in het gezicht had. De lucht was betrokken, met een flauwe koelte uit het noorden. Ik draaide bij om de dag af te wachten, maar spoedig bespeurde ik dat ik door de stroom reeds 2 streken om de ZO afgedreven was; ik zette toen alle zeilen bij om weer om de WNW te komen, doch het werd stil en de wind naar het westen gaande, kon ik met de dag niets van het land zien en ondervond ik bij observatie dat wij 32 mijlen om de ZO gezet waren. Ik werkte op, om zoveel mogelijk weer om de noord te komen, maar in plaats van te avanceren, werden wij nog verder door de stroom teruggezet. Na 5 dagen gekruist te hebben, werd door mij en de supercarga's besloten om af te houden en de eerste plaats te bereiken die mogelijk was. Wij hielden toen af naar Sarawak (Borneo). In de nacht van de 12e december begon het zo hard met buien te waaien, dat wij genoodzaakt waren bij te draaien; wij staken reven in de voornaamste zeilen en maakten al de kleine vast. De kluiver vloog bij het neerhalen in stukken. De wind nam in zeer korte tijd zo verschrikkelijk toe, dat toen wij de gereefde marszeilen vast wilden maken, het grote boven-marszeil weg en in stukken woei; de zee nam ook geweldig toe, zodat het schip allerhevigst werkte en slingerde. Iets later vloog het vooronder-marszeil en de fok weg; 's nachts het grote ondermarszeil, de voorstengstag- en het groot stengestagzeil totaal uit de lijken. Het was een allerverschrikkelijkste wind; stortzee op stortzee kwamen voor en op het schip; de grote sloep werd totaal aan stukken geslagen en ik vreesde dat de masten over boord zouden gaan. De passagiers (koelies) waren in een benauwde toestand; de luiken waren dicht en het dek was door de zee overdekt. Het schip lag geheel op zijde en wij dachten elk ogenblik te vergaan, daar wij tussen de rotsen van Z-Natunas (Riouw archipel) gedreven waren. Het grootzeil en groot-bramzeil waren losgewaaid en in stukken geslagen. Tegen de middag werd het iets beter en wij kregen met grote moeite het ondergroot-marszeil aangeslagen, hielden toen meer af en kwamen des anderen daags op de buitenrede van Sawarak ten anker. Ik ging met 4 man en een supercarga naar de stad en daar de prauwen wegens de hoge zee niet naar buiten konden komen, nam ik een loods mee en zeilde het schip naar binnen tot de ingang van de rivier. Daar kreeg ik water en provisie aan boord. Ik herstelde zoveel mogelijk was en zeilde, na zo lang gelegen te hebben, de 29e december van daar en arriveerde de 1e januari 1867 alhier. Onmiddellijk heb ik mij bij mijn agenten vervoegd en protest opgemaakt; ik zal de belangen van het schip met nauwgezetheid behartigen. Ik heb ook dadelijk een ander charter gesloten van Saigon naar Hongkong, à 45 dollarcents per picol en te Hongkong zal ik vracht zien te krijgen naar Java, alwaar ik dan hoop de charterpartij voor de Maatschappij te vinden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kruiningen, 29 maart. Gisterenochtend kwam te Hansweert het kanaal door Zuid-Beveland, rechtstreeks uit zee, binnen het zeeschip JULIA, groot 356 ton, kapt. J.J. van Loon, geladen met salpeter, komende van Zuid-Amerika en bestemd naar Rotterdam, welk schip dezelfde dag, door dat kanaal naar zijn bestemming is vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op woensdag de 24e april 1867, des middags ten 12 ure, ten overstaan van de deurwaarder Johan Coenraad Lach, in een van de lokalen van het koffiehuis Tivoli in de Westerstraat te Rotterdam, van:
-          Een goed onderhouden stoomboot, genaamd WAAL I, met derzelver complete machine en inventaris, groot 119 ton en hebbende 36 paardenkracht;
-          Het lichterschip genaamd WAAL, groot 139 ton, mede met inventaris,
liggende beide schepen in de Zalmhaven te Rotterdam, alwaar dezelven vanaf heden te bezichtigen zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Het schip PHOENIX, kapt. Glim, van Pillau naar Antwerpen, te Dantzig binnen, heeft de 26e maart de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Volgens brief van kapt. Krukkenberg, voerende het schip CATHARINA ELISABETH, in dato Singapore 17 februari, was hij aldaar de 13e dito van Newcastle gearriveerd, had hij op de reis veel stilte met afwisselend stormen en hoog verwarde zeeën doorgestaan, waardoor een gedeelte van de schuurgang (opm: huidgangen onmiddellijk naast de kiel gelegen) was afgeslagen. De kapitein onderstelt daardoor koper te zijn kwijt geraakt, hetgeen eerst na ontlossing kon worden ontdekt. Overigens alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 30 maart. Heden is alhier ter rede gearriveerd het Nederlandse brikschip GEERTJE HERWIG, kapt. Smit, van Port au Prince, laatst van Falmouth voor Antwerpen en CLEMENS, kapt. De Kloe, met steenkolen voor hier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 30 maart. Volgens een telegrafisch bericht uit Falmouth is het nu bewezen dat het schip dat gepasseerde dinsdag totaal op de kust van Cornish is verongelukt, is het Nederlandse schip JHR. MR. VAN DEN WALL VAN PUTTERSHOEK, kapt. Lammerts, te Dordrecht te huis behorende, groot 328 lasten en gebouwd in 1836, de 24e november des voorgaanden jaars uit Batavia en de 19e januari van dit jaar uit St. Helena naar Rotterdam vertrokken met een lading koffiej, suiker, specerijen en tin voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, doordien het diploma als maçon (opm: vrijmetselaar) van de kapt. Lammerts aan strand is gespoeld. Het schip is geheel en al opgebroken, een grote hoeveelheid koffij is gered. Uit de verklaringen van de geredde Griekse matroos blijkt het volgende: dat hij Giurgis Buffana heet en dat het schip van Batavia naar Rotterdam bestemd was, geladen met koffij, suiker, specerijen en tin. De equipage bestond uit de kapitein, 2 stuurlieden, bootsman en 20 man, alsmede 3 dames, 2 heren en 1 Engelse jongen als passagiers. Twee matrozen zijn op de reis overleden en 1 man is te St. Helena ziek achter gebleven. Men zag Lezard laatstleden maandag om 6 ure, de wind was ZZW, spoedig daarna waren wij in de Mountsbaai. Alle pogingen werden door de kapitein en de equipage in het werk gesteld om naar buiten te werken, doch alles mislukte en door de kracht van de storm werd het schip dinsdagmorgen 4 ure op de rotsen, op de zuidelijke punt van Poljew Cove (opm: mogelijk Poldhu Cove) gedreven. In omstreeks 20 minuten was het schip in stukken geslagen. De genoemde matroos en twee anderen waren op de kluiverboom; zij sloegen er van af en terwijl de zee terug sloeg, dreef hij aan strand. Toen het schip stootte, kwamen alle hens op het achterdek. De vrouwen schreeuwden verschrikkelijk. De Griek heeft haar niet zien omkomen. De drie vrouwen, het kind en de heer, welke zijn aangespoeld, waren alle van het schip afkomstig. Het kind is aan boord geboren. De moeder van het kind was een Franse. De tweede met medaillon en ketting om de hals was een Nederlandse dame. De derde was een Engelse en scheen haar bevalling nabij te zijn en had haar echtgenoot aan boord. Het linnengoed van een van de lijken van dat drietal was gemerkt K.L.6, aan de vierde vinger van de linkerhand waren 4 gouden ringen, waaronder een, op welke op de een zijde waren gegraveerd de woorden Sophie Willemin en aan de andere zijde J. Brugnot. De tweede was een gave ring, waarop A.B. gegraveerd was. De derde was een gedreven, die met een cachet ook openging. De vierde was een kleine ring, met drie groene steentjes en een slotje met een klein pareltje in het midden. Om de hals van het lijk, hetwelk door de geredde gehouden werd voor dat van de Nederlandse dame, hing een ketting waaraan een gouden medaillon gevestigd was. Het medaillon was in de vorm van een hart, aan de ene zijde zwart geschilderd, met 22 gouden puntjes, aan de andere zijde was een gedreven vergeet-mij-niet, waarin een fotografie van een jong heer was ingesloten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 29 maart. Heden is alhier binnengelopen het schip KAAPSTAD PACKET, kapt. Niewold, van Matanzas naar Falmouth bestemd, hebbende gebroken roer en schoon dek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 29 maart. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlands kofschip JONGE ALBERT, kapt. Kwint, van Clackmannan naar Koningsbergen bestemd en geladen met steenkolen, alhier op strand geraakt, doch heeft assistentie.


01 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Een der Londense dagbladen, de Morning Star, meldt het feit, dat de Griek, die bij het vergaan van het schip JONKHEER MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK, kapt. Lammerts, behouden is gebleven, zich de naam van de kapitein niet kon te binnen brengen. Het Londense blad geeft hierbij te kennen, dat men dit de man waarlijk tot geen verwijt kan maken, want dat zulke namen ook voor een vreemdeling niet te onthouden zijn. Met de naam van het schip JONKHEER zou dit nog wel gaan, maar niet met een naam als die van de kapitein Mr. Vandewal Ranputterchoklammerts. (opm: fonetische weergave van: MR. VAN DE WAL VAN PUTTERSHOEK, Lammerts dat men abusievelijk in zijn geheel hield voor de naam van de kapitein)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bekendmaking ingevolge artikel 28 van het wetboek van koophandel. Blijkens akte, de 14e maart 1867 voor de notaris Dirk van Wageninge te Alblasserdam, verleden, hebben de ondergetekenden: Floris Kloos, scheepsbouwmeester, Hendrik Kloos, particulier en Floris Kloos junior, particulier, allen wonende aan de Kinderdijk te Alblasserdam, aangegaan een vennootschap van koophandel tot het voor gemeenschappelijke rekening uitoefenen en voortzetten van de scheepsbouw, werktuigkunde, grofsmederij en al hetgeen verder daartoe in de uitgebreidste zin behoord, onder de firma van F. Kloos & Zonen. De vennootschap zal gevestigd zijn aan de Kinderdijk te Alblasserdam, is aangegaan voor onbepaalde tijd, aanvang nemende primo mei 1867 en eindigende zes maanden na schriftelijke opzegging, welke alleen kan geschieden zes maanden vóór ultimo december. Tot de tekening zullen al de vennoten gerechtigd zijn, zonder die immer te mogen bezigen tot het opnemen of negotiëren van gelden, het verlenen van borgtochten of het aangaan van enige kanscontracten of gewaagde handelingen, als zullende de vennootschap daarvoor niet verbonden of aansprakelijk zijn. F. Kloos. H. Kloos. F. Kloos jr.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 31 maart. Het Nederlandse schip CONCURRENT, kapt. Ouwehand, komende van Batavia, zit op “Dwars in de weg”; het heeft geseind om sleepboot en lichters, alsmede om ankers en kettingen. (Tweede bericht) De CONCURRENT is bezig de lading over te geven. Met assistentie van de sleepboot ROTTERDAM II en de loodsschokker is een anker uitgebracht. Men zal trachten ten hedenavond met hoog water het schip af te slepen. Het schip zit niet gevaarlijk; bij het ten anker komen brak de ketting, waarop men terstond het tweede anker presenteerde, welks ketting onklaar geraakte met de betingbout, tengevolge waarvan het schip tegen “Dwars in de weg” dreef.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 31 maart. Op het Goereese strand bij Steenenbaken is gestrand de Engelse bark JESSIE JAMIESON, kapt. West, van Java, laatst van Falmouth naar Rotterdam bestemd, de zee spoelt er over heen en de equipage zit in het tuig, sleepboten ROTTERDAM en ZUIDHOLLAND zijn derwaarts geweest, doch konden door de hoge zee er niet bij komen; men verneemt dat het schip nog dicht is en men is voornemens met laag water te beginnen met lossen. De lading bestaat uit 1059 picols koffij; 7863 picols suiker; 100 picols rotting; 22 picols gom elastiek; 5850 stuks huiden; 300 picols gom damar; 413 picols tin.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 31 maart. De stoomboot LOUISE, welke uitgaande in de Kanaalhaven ligt. Is lek gesprongen en verkeert in zinkende staat; men is begonnen de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mary's (Scilly eilanden), 29 maart. Er is duizend pond sterling door de vertegenwoordigers van de eigenaren van het schip en lading van de ADRIANUS, kapt. Piebes, van Antwerpen naar Montevideo bestemd, aan de loodsen gegeven, welke het de 15e dezer alhier in de haven hebben gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. D.F. Stieven en W.Y. van Reinouts, makelaars, presenteren als lasthebbenden van hun principalen op dinsdag 23 april 1867, des avonds ten zes ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ ten overstaan van de deurwaarders Wormser en Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogstmijnende te verkopen: een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag genaamd: PETRONELLA CATHARINA, gevoerd door kapt. C.H. van der Veen. Volgens Nederlandse meetbrief lang 37 ellen 33 duimen, wijd 6 ellen 17 duimen, hol 4 ellen 32 duimen, en alzo gemeten op 442 tonnen of 234 lasten. Het voorzegde barkschip ligt aan de Oosterdoksdijk en is de 19e november 1863 het laatst in gewone retourbevrachting voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij binnen gekomen. Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaars of met de cargadoors Hoyman & Schuurman te Amsterdam.


02 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 1 april. Het schip CONCURRENT is nog niet vlot gekomen. Men is bezig met lossen. Twee lichters zijn reeds beladen, een derde ligt langs zijde.
Volgens een later telegram is de derde lichter uit de CONCURRENT beladen. Men denkt met het avondgetijde het schip af te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 1 april. Een gedeelte der lading van het schip JESSIE JAMIESON is gelost en wordt te Ouddorp geborgen. Men gaat met lossen voort. Het schip is dicht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 1 april. Het stoomschip LOUISE verkeert nog in dezelfde toestand. Men gaat druk voort met lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 31 maart. Het Nederlandse schip CONSTANCE, kapt. Mulder, van Macassar te Amoy gearriveerd, had in de Chinese Zee zwaar stormweder doorgestaan en daarbij schade aan tuigage bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 29 maart. Kapt. Aldershof, voerende het alhier te huis behorende schoenerschip ADUARD, de 24e dezer van Bahia te Falmouth aangekomen, rapporteert, dat hij sedert 20 februari met zware stormen te kampen heeft gehad, en wel uit het oosten en zuid- oosten.
Hij zag op de 20e maart op 49º44`NB en 08º30`WL een schip zonder masten en met schoon dek, zijnde bij nader onderzoek een Franse brik, van Gloucester naar St. Malo bestemd, waarvan de equipage zich nog aan boord bevond. Dadelijk werd de boot uitgezet en is men er in geslaagd, na veel krachtinspanningen de gehele equipage, die geheel uitgeput was, te redden en behouden te Falmouth aan wal te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Paimboeuff, 24 maart. Het schip GEZINA ALIDA, kapt. Meijer, van Nantes met boekweit naar Rotterdam, is hier binnen gesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ramsgate, 30 maart. Het schip ALBRECHT FREDERIK, kapt. Meijer, van Suriname naar Amsterdam, is met zeeschade hier binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Tot diepe droefheid van mij, zijne bejaarde ouders en verdere betrekkingen, ontving ik heden het treurige bericht, dat mijn geliefde echtgenoot Jan Boekhold, stuurman aan boord van het Nederlandse galjootschip SARA, kapt. M.J. Sikkes, op de reis van Cephalonia naar Antwerpen, de 17e dezer over boord is geslagen en zijn graf in de golven gevonden heeft. Hij bereikte de ouderdom van ruim 33 jaren, waarvan wij slechts 1 jaar door de band des huwelijks verenigd mochten zijn. Zwaar treft ons deze slag, doch wij wensen ootmoedig te berusten in de ondoorgrondelijke raad des Heren.
Midwolda (Oldambt), 28 maart 1867, Trientje Zelling, Wed. J. Boekhold.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 28 maart. Gisteren en heden werd door de commissie tot het examineren van zeelieden alhier, bijgestaan door de heren dr. L. Janse Bz., lector aan de kweekschool te Amsterdam, en F. Jaski, van Amsterdam, ene zitting gehouden tot het onderzoek van twaalf leerlingen der school voor wis- en zeevaartkunde alhier.
Na afloop werden diploma’s uitgereikt: als tweede stuurman grote of Atlantische vaart aan: Sipke Blijstra, van Harlingen; IJme Huner, van Harlingen; Remmelt Gosselaar, van Delfzijl; Jacob van der Meij, van Ameland; Sikke Naber, van Harlingen; Gerrit Dokter, van Ameland, en Markus Dijzelbergen, van Kollum; als derde stuurman grote of Atlantische vaart aan: Gerben Ruijgh, van Ameland; Jank Folbeda, van Arum; Klaas Ebes, van Harlingen; Paulus Tamson, van Blija, en Jan de Jong, van Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop. Voor uiterst billijke prijzen liggen aan de scheepstimmerwerf te Sloten, te bevragen bij de Wed. J.I. Bakker aldaar: een hektjalkschip, groot 37 ton, benevens een tjalkschip, groot 27 ton.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een wel onderhouden overdekte praam, groot volgens meetbrief 12 ton, met volledige inventaris, liggende te Makkum. Te bevragen bij K. Kool te Makkum.


03 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ADOLF HERTOG VAN NASSAU, onder bevel van de kapt.t.zee G.P.J. Mossel, is in de namiddag van de 1e dezer van zijn reis naar de Middellandse Zee ter rede van Texel teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Volgens een ontvangen bericht uit New-York, heeft het schip HUGO GROTIUS, kapt. Ebes, naar Rotterdam bestemd, hetwelk op de West -Bank aan de grond heeft gezeten, veel geleden, en zou de lading in andere schepen moeten worden overgeladen. Een gedeelte daarvan zou met het schip WILHELMINA, kapt. Willenbrink worden verscheept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Heden is gestrand bij Calandsoog wegens mist het Noorse barkschip ALIDA, kapt. Calmeijer, van Drammen naar Nieuwediep bestemd. De equipage en loods zijn door een vissersbom gered en te Nieuwediep aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 2 april. De CONCURRENT is heden nacht met assistentie van de sleepboot ROTTERDAM II, vlot gekomen en op de rede gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 31 maart. Heden nacht strandde bij de ijzeren vuurbaak in deze gemeente het Engelse barkschip JESSIE JAMIESON, kapt. West, komende met koffie, suiker enz. van Batavia en bestemd naar Rotterdam. De equipage en de familie des kapiteins zijn aan wal gebracht en worden door de zorg van de heer burgemeester van het nodige voorzien. De lading, nog geheel droog zijnde, wordt gelost en te Ouddorp geborgen, waarna men het schip hoopt af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 2 april. Men gaat steeds voort met het bergen der lading van de JESSIE JAMIESON. Het schip zit met laag water droog, de sleepboot ROTTERDAM I is tot assistentie in dienst.
5 ure namiddag. Van bovengenoemd schip zijn enige kranjangs suiker en ruim 300 blokken tin alhier aangebracht.
8u.15 m. Het sleepschip ROTTERDAM I is sedert zondag werkzaam om het schip JESSIE JAMIESON vlot te krijgen en bracht heden een werpanker uit met eigen trossen, terwijl het zelf stotende was op strand, laadde vervolgens de grootste hoeveelheid tin, welke alhier heeft aangebracht. Het schip zit steeds in dezelfde toestand en blijft dicht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 30 maart. Het schip KAAPSTAD PACKET, kapt. Niewold, ’t welk de 29e december alhier van Matanzas is binnengelopen, heeft de kombuis en boten op de reis verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 31 maart. Het schip ALBRECHT FREDERIK is alhier binnengelopen onder het bevel van de stuurman. De kapitein, H. Meijers, is op de reis van Suriname naar Amsterdam overleden. Het heeft zeilen verloren en is lek. Het zal boven de waterlijn op nieuw doen kalefateren, nieuwe zeilen aanslaan en dan de reis vervolgen.


  JB - Javabode

Batavia, 1 april. Heden vertrok van hier naar Bandjermasin de Nederlands-Indische brik JOHANNA (ex-Pruisische brik EXPRESS), kapt. De Jong. (zie JB 270267)


04 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. E. Mauritz, A. C. van Wageningen Jr., P. J. de Kanter Jr., D. de Jongh Wz.,
B. de Witt en J. de Voogd Jr., makelaars te Dordrecht, presenteren op zaterdag de 27e april 1867, des middags ten 12 ure precies, in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn, over het Scheffersplein te Dordrecht, publiek te verkopen het extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip TAGAL, gevoerd door kapt. J.F.H. Göbel, volgens meetbrief lang 38,50 ellen, wijd 7,86 ellen, hol 5,55 ellen, en alzo gemeten op 746 tonnen of 394 lasten; liggende in de Kalkhaven te Dordrecht, en breder bij de inventaris omschreven.
Nadere onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors G. Mauritz, D. Schotman Dz., Sandberg & Co. en Visser & Van der Sande, te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Christiaan Ament, makelaar, presenteert, ten overstaan van de notaris P. A. Smits, op maandag de 8e april 1867, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, te verkopen het snelvarend ijzeren stoomschip, genaamd DE RIJP,
laatstelijk gevaren hebbende in de dienst tussen Amsterdam en Rijp, langs de Zaan vice versa, groot 53 Nederlandse tonnen, diepgang 3½ voeten,hebbende uitmuntende machineriën van 12 paardenkrachten hoge drukking, voorts behoorlijke inventaris, zoals breder bij biljetten met inventaris staat vermeld.
Te bezichtigen van af de 1e april aanstaande tot en met de verkoopdag te Amsterdam in het Oosterdok.
Nader onderricht bij bovengenoemde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 3 april. Van het schip JESSIE JAMIESON zijn op nieuw blokken tin aangebracht.
7 uur 35 m. De sleepboten ROTTERDAM I en II hebben heden, doch tevergeefs getracht, de JESSIE JAMIESON, vlot te slepen. Men is voornemens het van nacht wederom te beproeven. Het schip heeft met hoog water zwaar liggen stoten, doch is dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 3 april. De stoomboot LOUISE is nog in dezelfde toestand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 april. Het Nederlandse schip VAN DER PALM, kapt. v.d. Woude, van Newcastle naar Hongkong, is, volgens telegram uit Londen van heden, met verlies van boegspriet en tuigage te Deal binnengelopen, zijnde in aanzeiling geweest. (opm: zie NRC 050467)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cardiff, 1 april. Het Nederlandse galjootschip VIER GEBROEDERS, kapt. De Jonge, van hier naar Bergen bestemd en geladen met steenkolen, is, toen het gisteren voor anker lag, gezonken. Tuig, zeilen enz. zijn alle aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 2 april. Het Nederlandse kofschip DIVERTDINA (opm: DIEWERDINA), kapt. De Jonge, van Burnt Island naar Rendsburg bestemd, is alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 28 maart. Het Nederlandse schip DE SPERWER, kapt. Huisman, van Gonaïves naar Antwerpen bestemd, ’t welk alhier de 23e dezer lek enz. is binnengelopen, heeft een groot gedeelte der lading op de reis overboord geworpen. Het is nu bezig met lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 28 maart. Het schip NICOLAAS HEIMBURGER, kapt. Bloemendaal, van Maracaïbo naar Liverpool bestemd, ’t welk de 18e dezer met schade is binnengelopen, is bezig met lossen.


05 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Het schip LUBBEGINA, kapt. Spithorst, van Amsterdam naar Liverpool bestemd, ’t welk de 22e maart door aanvaring van de JANE AVERY veel averij heeft bekomen, heeft de lading suiker gelost. 150 broden suiker, welke beschadigd waren, zijn verkocht geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 4 april. De JESSIE JAMIESON is heden nacht niet vlot gekomen. De beide sleepboten ROTTERDAM hebben er aan getrokken. Er ligt thans een lichter op zijde welke koffij laadt.
6 ure 35 min. av. Beide sleepboten ROTTERDAM hebben met hoog water aan het schip JESSIE JAMIESON getrokken. Daardoor is het een eind achteruit gekomen. Met het volgend getijde hoopt men het schip vlot te krijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 4 april. Men is op de stoomboot LOUISE zo veel mogelijk bezig het lek op te sporen. Heden namiddag heeft men zeilen onder het schip doorgehaald. Ook heeft een duiker het schip, voor zover men van de grond er bij kan komen, onderzocht, doch niets gevonden. De beschadigde lading wordt er zo spoedig mogelijk uitgehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 april. Volgens brief van kapt. Huisman, voerende het Nederlandse schip SPERWER, van Gonaïves naar Antwerpen, met schade te Lissabon binnen, had hij de 27e februari op 30º30`NB en 61º30`WL een orkaan doorgestaan, waarin het schip plat op zijde geworpen werd en verscheidene zeilen verloren gingen. De 6e maart verhief zich op nieuw een hevige storm, waarin het zwaar werkte, en de volgende dag door een stortzee de gehele bakboordverschansing, het kajuitschot aan stukken en bijna alles wat zich op het dek bevond wegsloeg, terwijl het schip zwaar lek werd,waardoor de gehele equipage aan de pompen moest blijven. Toen de 10e de storm nog niets afnam, het lek niet verminderde en de equipage, die 3 etmalen onafgebroken bij de pompen geweest en uitgeput was, besloot men over te gaan tot het over boord werpen van lading, waardoor circa 830 balen koffij verloren gingen, waarna het lek verminderde. Het schip bovendien veel schade aan het tuig geleden en zeilen verloren hebbende, besloot men, daar het voortdurend veel water bleef maken, te Lissabon binnen te lopen, alwaar de lading onder quarantaine gelost werd. Het reeds geloste gedeelte was zwaar beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 2 april. Het Nederlandse schip VAN DER PALM, kapt. Van der Woude, van Shields naar Hongkong bestemd, is in Duins teruggekomen met verlies van boegspriet, kluiverboom en het tuig, daaraan bevestigd, en beschadigde scheg, zijnde tussen Beachy Head en Dungeness in aanzeiling geweest met een onbekend schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carthagena, 4 maart. Het schip CLARA WILHELMINA, kapt. Reimers (opm: mogelijk buitenlander), van Savanilla naar Bremen bestemd en geladen met tabak, is de 22e februari op de hoogte van Punta Canoa gebleven. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cargalijsten. Te Koogerpolder zijn gearriveerd de schepen:
-          EENDRAGT, kapt. Vuursteen, van Londen met 87 tonnen raapzaad, adres J. Kluijver & Zoon te Koog aan de Zaan.
-          CATHARINA CORNELIA, kapt. De Jonge, van Londen met 83 tonnen raapzaad, adres J. Kluijver & Zoon te Koog aan de Zaan.
-          ZWAANTINA, kapt. Gruppelaar, van Londen met 94 tonnen raapzaad, adres Claas Honig & Zoon te Koog aan de Zaan.
-          ANDREAS EN MARIA, kapt. Slik, van Londen met 92 tonnen raapzaad, adres C. Honig Czn. te Koog aan de Zaan.
-          JOHANNA, kapt. Sanders, met 100 tonnen raapzaad van Londen, adres C. Honig Czn. te Koog aan de Zaan.
-          WIEBERGINA MARTENS, kapt. Looman, met 1426 zakken raapzaad, adres Claas Honig & Zoon te Koog aan de Zaan.


06 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 7 maart. De 23e februari is Zr.Ms. stoomschip BOMMELERWAARD, gesleept door Zr.Ms. stoomschip DE DOMMEL, van de Marowijne, alwaar het, zoals onze lezers bekend is, was vastgeraakt, op onze rede ten anker gekomen.
Indien wij wel onderricht zijn, zegt de Surinaamsche Courant, zijn de door de BOMMELERWAARD over boord geworpen ankers, geschut, enz. opgevist. De bekomen schade aan achtersteven en roer zal, naar wij vernemen, hier worden hersteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 7 maart. Als een bijzonderheid wordt medegedeeld, dat de Nederlandse schoener PLYMOUTH BELLE, kapt. O’Garra, die de 24e februari is aangekomen, de reis
van hier naar Barbados en terug met een lading koopmanschappen gedaan heeft in de tijd van acht dagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 maart. Vrachten hebben een kleine verbetering ondergaan. De L.J. ENTHOVEN werd door de Factorij opgenomen voor koffij en suiker tot NLG 47,50. De EDUARD EN MARIE bekomt te Sourabaija 40 dollarcenten per pikol oliekoeken naar China. In onderhandeling is men over een klein scheepje naar Nederland tot NLG 50. Drie vreemde schepen zullen naar Singapore en Calcutta verzeilen, alwaar de vrachten hoog en steeds rijzende zijn, uit gebrek aan disponibele laadruimte.
Onbevrachte Nederlandse schepen: WIJK AAN ZEE, LOUIS MEIJER, QUINTET, STAD LEYDEN, HELENA HENRIETTE, PHILIPS VAN MARNIX, ELISABETH JACOBA, MARIA CATHARINA, J. M. CHRISTINA, KANDANGHAUER, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, MARIA ELISE, SOUBURG en HONIGBIJ. De MARIA VERONICA, HENRIETTE. VIER GEZUSTERS en HENDRIKA, maken kunstreizen. Het Pruisische schip EXPRESS en het Bremer schip BETTY zijn te koop.
Nog werd heden de DIANA door de Factorij opgenomen tot de vracht van NLG 50.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARIA ELISABETH, kapt. Bonjer, heden morgen behouden te Cardiff aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 5 april. De sleepboten ROTTERDAM 1 en 2, in dienst der JESSIE JAMESON, zijn heden nacht door hoge zee en harde NW wind verplicht geweest te retourneren, maar zijn nu weder derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 5 april. Het lek van de stoomboot LOUISE is gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 3 april. Het schip, waarmede het Nederlandse schip VAN DER PALM, kapt. Van der Woude, van Shields naar Hongkong bestemd, in de morgen van de 2e dezer in aanzeiling was geweest, was de GARIBALDI. Beide schepen hebben schade bekomen, het laatstgenoemde schip zal de reis vervolgen zonder te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 maart. Bij een nader gehouden onderzoek is gebleken, dat bij het innemen der steenkolen, die geladen waren in de verbrande schepen GUSTAAF ADOLF en PIETER JOHANNES, toebehoord hebbende aan de contractant S. van Hulstijn, in geen deel is verzuimd de nodige maatregel te nemen tot drooghouding en doelmatige lading der kolen, zodat het tot dien aanzien voorkomende in de Javasche Courant van 19 oktober 1866, onjuist is geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 maart. Volgens berichten van de Nederlandse consul te Singapore is de Nederlands-Indische bark ALEXANDRIE op haar reis van Sambas naar Singapore totaal verongelukt. Vijf der opvarenden vonden bij die gelegenheid hun dood in de golven.


07 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 4 april. Heden is van ’s Rijks werf alhier te water gelaten het Nederlands oorlogsschip VICE-ADMIRAAL KOOPMAN.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. De schepen WILLEM, kapt. Jansonius, en ELIZABETH EN CHRISTINA, kapt. Visser, van Amsterdam naar Leba (opm: positie 54º 46 N’B en 17º 33’ OL), zijn, volgens telegrafisch bericht van daar van de 5e april, in de nabijheid dier plaats gestrand en wrak, doch de bemanningen gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 6 april. Heden middag is op de Hinder gestrand het Engelse schoenerschip PRINCE ALFRED, kapt. Anderson, van Sunderland met steenkolen bestemd naar Rotterdam, de equipage is gered en alhier aangebracht. Schip en lading zijn totaal weg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 april. Het stoomschip RUBBENS, van hier naar Havre vertrokken, heeft in het Noord-Hollandsch Kanaal schade bekomen, en is in het Oosterdok teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 6 april. Woensdag jl. is te Frederikstad gearriveerd het barkschip NOORDSTER, kapt. Tobiassen, van Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 6 maart. Het Nederlandse schip ELLINA, kapt. Lammerts, van Saigon naar Hongkong bestemd, is alhier binnengelopen, zijnde lek gesprongen.


08 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 7 april. Van het schip JESSIE JAMESON is een lichter met lading hier aangekomen. Gisteren zijn twee zware ankers uitgebracht en is het schip een scheepslengte door de twee sleepboten achteruit getrokken.
3 uur 10 min. Het schip JESSIE JAMESON is door de sleepboten ROTTERDAM 1 en 2 in vlot water gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 7 april. Heden middag strandde op de Noord-Hinder het schoenerschip PRINCE ALFRED, kapt. P. Anderson, met een lading steenkolen van Sunderland bestemd naar Rotterdam - zie ons nommer van gisteren. De equipage is gered en behouden hier binnen gebracht door het vaartuig DE ONDERNEMING, van Ouddorp, bemand met Jb. Kastelein, C. van der Klooster, C. Lokker Jbz., F. Lokker Jbz., J. Bakelaar en Jb. den Ouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 1 april. Het Nederlandse schip JONGE ALBERT, kapt. Kwint, van Clackmannan naar Koningsbergen bestemd, ’t welk 29 maart alhier op strand geraakte, is door assistentie vlot gekomen en heeft de reis vervolgd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 5 april. Het Nederlandse kofschip VROUW NEELTJE, kapt. Koens, van Grimsby naar Malmö bestemd en geladen met steenkolen, is in de nacht van de 3e dezer op de Swineboden, aan de Zweedse kust, aan de grond geraakt, doch gisteren, na een gedeelte der lading gelost te hebben, door assistentie wederom vlot en te Höganäs binnengebracht, vanwaar het heden voormiddag te Helsingborg is aangekomen. Het is lek en moet verder lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 6 maart. Het Nederlandse barkschip ELLINA, kapt. Lammerts, van Saigon naar Hongkong, ’t welk alhier lek is binnengelopen, moet dokken om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mochten wij ons vóór enige dagen nog vleien met de hoop, dat de equipage en passagiers van het in de nacht van 25 maart jl. op Kaap Lezard verongelukte schip JHR. MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK gered zouden zijn, thans is het, helaas, maar al te zeker bevestigd dat zij, met uitzondering van één Griekse matroos, hun graf in de golven vonden. Ook mijn dierbare echtgenoot, Klaas Folkert Lammerts, gezagvoerder van bovengemelde bodem, eindigde daar zijn leven, in de ouderdom van 41 jaren en 5 maanden.
Weemoedig staar ik thans, na een gelukkige echtvereniging van 15 jaren, met mijn drie nog jeugdige kinderen, zijn hoog bejaarde vader en verdere betrekkingen, hem na, dien wij, na een afwezigheid van juist 20 maanden, eerstdaags in ons midden hoopten weder te zien.
Dordrecht, 8 april 1867, Wed. K. F. Lammerts - Van der Plank.
De vele vrienden en bekenden gelieven deze algemene en tevens als bijzondere kennisgeving aan te nemen.


09 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 april. Volgens het rapport van Robert Hicks, gezagvoerder van de loodskotter PRESTO, en van de roeiboot PERSEVERANCE, toebehorende aan hem en acht anderen, blijkt dat hij de 15e maart uit Porth Cressa, St. Mary’ s (Scilly) met de loodskotter, met een equipage van 5 man zeilde naar het Rotterdamse schip ADRIANUS, kapt. Piebes, te Antwerpen geladen met ijzer, teer, rijst, wijn, sigaren enz. en bestemd naar Buenos-Ayres enz. Op de 15e maart, des morgens 8 ure 30 min., het weder was buiig en donker, de wind was hevig en O.t.N. werd een schip gezien ten zuidoosten van the Castle of St. Mary’s op omstreeks 15 mijlen afstand, liggende om de NO, koers zettende naar het land ; wij brachten de roeiboot PERSEVERANCE te water en zeilden met alle spoed naar het schip.
In de zeilen hadden wij drie reven gestoken en de boot liep omstreeks 5 mijlen, toen wij zagen dat het schip bijgedraaid en om de ZO lag met een rif in het marszeil ; daarop werd het zeil van de boot ingenomen, en wij roeiden een halve mijl voor de wind op het schip aan waarna wij een boot achter het schip vonden waarin een menigte klederen was ; toen wij het schip naderden, zagen wij een man op het dek, zwaaiende met zijn hoed om alle spoed te maken en bij het schip te komen ; men wierp ons uit het schip een touw toe, terwijl de equipage reeds bezig was om de tweede boot buiten boord te zetten ; ik vroeg de kapitein wat is er gaande ? Hij antwoordde dat het schip zinkende was. Ik vroeg toen welke lading het had. Hij zei gietijzer. Ik vroeg vervolgens hoeveel water in het schip was en hoeveel het maakte ; de kapitein antwoordde dat er vijf voet water in was, en het twee voet water per uur maakte en dat het direct zoude zinken. Twee man gingen daarop aan boord om het te onderzoeken, daarna naar het roer om het naar bakboord over te brengen om het schip weder voor de wind te brengen, doch hij vond dat het roer zo vast zat, dat men geen beweging in hetzelve kon verkrijgen, en de kapitein, die er bij tegenwoordig was, wilde hen niet zeggen, hoe men het roer kon los krijgen; de zee liep geweldig over het grote dek, en de beide mannen kwamen in de boot terug, welke enige schade had bekomen ; een riem had ik reeds verloren, door dat de zee zwaar rolde. De kapitein en twee man (matrozen) gingen reeds over de verschansingen om in de boot te gaan, toen ik zei dat ik beproeven zou om het schip in Scilly binnen te brengen. Daarop ging ik onmiddellijk aan boord gevolgd door drie anderen, maakte de roerketting los, waardoor het roer een weinig speling bekwam, daarna ontdekte ik het slothout van het roer en bracht het naar bakboordzijde ; de schoot van het grootzeil liet ik vallen, het marszeil vierkant brassen en de kluiver bij zetten en bracht het schip met de kop om de west-noord-west naar St. Mary’s Sound, het rif liet ik uit het marszeil steken, het bramzeil en de fok bijzetten toen het schip aldus voor de wind gebracht was, liet ik de achterpomp peilen en bevond dat er 1 voet en 7 duim water in was. Twee man van de bootslieden begonnen te pompen en een man was bij het voorluik gestationeerd, of het water in de hel (opm: lage ruimte in de voorpiek onder het volkslogies) rees. Er was 2 duim water in de kim van het schot van de kajuit en men vreesde dat de kapitein, die inmiddels in de kajuit was gegaan, iets zou doen om het water toegang te verlenen.
Daarop beval ik de kapitein om uit de kajuit op dek te komen, waarop hij met een handspaak te voorschijn kwam, zeggende : “ik ben kapitein op mijn eigen schip”. De man die vooruit was gegaan om de zeilen klaar te maken, ging in het volkslogies en vond dat een der matrozen bezig was aan de boeg om de sjorrings af te snijden en dezelve uit te duwen.
Hij werd onmiddellijk bevolen op dek te komen, deed zulks doch zei niets. De boot welke achter het schip was, geraakt op drift, welke eerst bespeurd werd, toen het reeds ½ mijl van het schip verwijderd was. De kapitein wilde het roer van mij overnemen, met het voornemen om de boot trachten terug te bekomen, waarop de bootslieden van mij riepen “geef het roer niet over”. Het schip is daarop op de rede van Sully gebracht, de pomp is gaande gehouden en het water tot op drie duim gebracht, de equipage van het schip weigerde alle hulp te verlenen en weigerde positief om enige zeilen te bergen, welke alles door de bemanning van de boot verricht werd. Toen ik aan boord kwam, scheen de kapitein enigszins dronken te zijn, en werd hij het meer en meer al naar gelang wij de haven bereikten. Bij onderzoek van de boegpoort werd bevonden dat de sjorrings alle afgesneden en de kruisklampen weg waren, terwijl de gekapte sjorrings nog in de ringbouten hingen, de merken waren zichtbaar dat men met een breekijzer en hamer aan de gang was geweest, en het is mijn opinie, dat de kapitein het doel had om het schip te doen zinken. De stuurman had gezegd dat de sjorrings der boegpoort gekapt waren op bevel van de kapitein, toen de reddingsboot zich naar het schip begaf.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 8 april. Alhier is heden aangebracht een gedeelte van de inventaris der verongelukte schoener PRINCE ALFRED, kapt. Anderson.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 8 april. Een schoener zit op de Westplaat vast. Bijzonderheden zijn nog onbekend, lichters en sloepen vertrekken derwaarts.
3 u.25m . Het gestrande schip zit niet op de Westplaat maar op de ribben van de Hinder. Het is ogenschijnlijk een brik. Lichters, noch ijssloepen kunnen er bij komen, zij zijn allen alhier geretourneerd. Het schip zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 6 april. Volgens ontvangen brief van kapt. De Graaf, voerende het alhier te huis behorend kofschip SECUNDUS d.d. Bergen, 1 april, had hij vrijdag de 29e maart, op ongeveer 18 mijlen ten noordoosten van Udsire (opm: Utsira, psn 59º 18’ NB en 04º 53’ OL), een Noorse brik in het gezicht gekregen met twee noodvlaggen op. Na er koers heen gezet te hebben, bevond hij dat het de Noorse brik VENUS was, geladen met ijs, komende van Tvedestöm (opm: mogelijk Tvedestrand, psn 58º 37’ NB en 08º 56’ OL) en bestemd naar Londen. Het schip was in zinkende staat. Er bevond zich slechts één man aan boord, hebbende de kapitein en de vorige equipage de vorige zondag (opm: 24 maart !) reeds het schip verlaten. Met grote moeite, daar de zee zeer hol stond, had kapt. De Graaf zijn boot uitgebracht en de ene verlaten schepeling gered en te Bergen aan wal gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 4 april. Het schip UNION, kapt. Hazewinkel, is bevracht tot het laden van gerst naar Amsterdam of de Zaan. Het schip ALIDA SARA, kapt. H. Mooi, is heden naar Warberg (opm: Varberg) vertrokken, om haver naar Londen te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 7 april. Het schip JAN EN JACOB, kapt. Burghardt, komende van Amsterdam, is hier binnengekomen met schade wegens ijsgang.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Montevideo, 28 februari. In een bui, welke alhier de 24e dezer heeft geheerst, heeft het alhier in de haven zijnde Nederlandse brikschip HENDRIKA CORNELIA, kapt. Bonger (opm: vermoedelijk de brik CORNELIA HENDRIKA, kapt. M.C. Bonger), geladen met steenkolen, enige schade bekomen, doordien het van zijn ankers is geslagen en op de rotsen heeft gestoten, waardoor het zwaar lek is geworden, zodat men besloten heeft de lading aan de meestbiedende te verkopen. (opm: schip is in 1867 in averij te Buenos Aires afgekeurd; zie ook NRC 150567)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 28 maart. Heden is hier met goed gevolg te water gebracht het nieuw gebouwde schoenerschip ANETTA NANNINGA, groot plm 160 tonnen, gevoerd zullende worden door kapt. Z.L. Havinga, te Veendam, onder directie van de heer D. Dethmers te Meeden en vervaardigd op de werf van scheepsbouwer J. Berg Jz.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 5 april. Volgens rapport van de gezagvoerder van de loodskotter PRESTO, die het schip ADRIANA, van Antwerpen naar Buenos Ayres bestemd, te St. Mary’s Scilly heeft binnengebracht, vermeende hij, volgens al wat uitgelekt was, dat de kapitein van de ADRIANA, Piebes, het schip wenste te doen zinken en vergaan. Bij onderzoek van de boegpoort was namelijk bevonden dat de sjorrings alle afgesneden en de kruisklampen weg waren, hangende de gekapte sjorrings nog in de ringbouten. De merken waren zichtbaar, dat men met een breekijzer en hamer aan het werk geweest was. De stuurman had gezegd, dat de sjorrings van de boegspriet gekapt waren op last van de kapitein, toen de reddingboot zich naar het schip begaf.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een ongehuwde scheepstimmermansknecht kan voor een jaar vast werk bekomen, tegen goed loon, kost en inwoning, bij H.K. Slager te Tjalleberd.


10 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 8 april:
-          het barkschip BARON VAN HARDENBROEK, gebouwd in 1856, kapt. J. van Rossem: NLG 30.000, in slag NLG. 100, opgehouden
-          het stoomschip DE RIJP: NLG 3000, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Volgens brief van kapt. Wildeboer, voerende het Nederlandse schip CONCORDIA, 19 februari, te Corrientes van Buenos-Ayres gearriveerd, had hij anker en ketting verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cardiff, 6 april. Kapt. A. de Jonge, gezagvoerder van het Nederlandse galjootschip de VIER GEBROEDERS, meldt dat het bericht, ’t welk in de Shipping & Mercantile Gazette van de 2e dezer gestaan heeft, onjuist was, namelijk, dat het schip voor anker lag en in laag water gezonken is. Het anker lag wel op 30 vadem afstand van het schip, zodat het op iets hards gestoten heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 6 april. De lading van het schip MORGENSTER, kapt. Ulfers, van Marseille naar Yarmouth bestemd, ’t welk de 18e maart masteloos is binnengelopen, is overgescheept geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 6 april. Het Nederlandse schip JULIUS, kapt. Groenewoudt, van St. Kitt’s naar de Clyde bestemd, ’t welk alhier de 23e maart lek is binnengelopen, is bezig met lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 8 april. Volgens telegrafisch bericht is gisteren bij Agger gestrand het Nederlandse schip STAD GOOR, kapt. Niggebrugge, van Grimsby naar Dantzig bestemd en geladen met steenkolen. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremen, 7 april. Volgens telegrafisch bericht is het schip AURORA, kapt. Tjaben (opm: mogelijk buitenlander), van Newcastle naar Brake bestemd, is gisterenavond bij Hohe Weg gestrand, en heeft 1 voet water in het ruim.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swinemünde, 6 april. Volgens telegrafisch bericht is alhier uit zee teruggekomen het schip MARTHA, kapt. Swiewert (opm: mogelijk buitenlander), naar Hartlepool bestemd, zijnde lek. De lading tarwe is beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 5 april. Het Nederlandse galjootschip CHRISTINA, kapt. Halst, naar Koningsbergen bestemd en geladen met petroleum, is bij Scharbe (opm: Schaprode; positie 54º 31 N’B en 13º 10’ OL) gestrand en vol water gelopen.


11 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 april. Volgens brief van kapt. Hoffman, voerende het Nederlandse schip MARGARETHA SIMONETHA, was hij na een maand reis van Bangkok naar Hongkong, de 5e februari te Bonthain (Celebes) binnengelopen, wegens stilte en tot aankoop van enige verse provisiën.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 8 april. Verleden donderdag namiddag is bij Makkum gestrand het Nederlandse tjalkschip JANTINA, schipper Wouter van der Veen, komende van Brussel en bestemd naar Leeuwarden en Groningen, met een lading staafijzer en platen, alsmede ruwe en bewerkte zanksteen en enige kisten glazen dakpannen. Behalve de schipper bevonden zich aan boord zijn vrouw en vier kinderen en de knecht. Na een bange nacht op het dek te hebben doorgebracht, daar het schip lek was geworden en de lading in de kajuit begon te drijven, werden zij ’s ochtends ten 7 ure door een Makkumer visser te Makkum behouden aan wal gebracht. Later was men begonnen de lading te lossen en had men ook ankers en ketting opgevist.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 9 april. Volgens ontvangen bericht was het barkschip HAAMSTEDE, kapt. ter Marsch, van Sumanap te Wijnkoopersbaai gearriveerd en de 24e februari l.l. aldaar bezig met lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 april. Van het schip MARIA ANTOINETTA, geladen met tarwe, de 3e februari uit Messina vertrokken, heeft men sinds die tijd niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 8 april. Het galjootschip HERMANUS THEODORUS, kapt. Wilmink, gisteren alhier op de rede van Lissabon aangekomen om orders, geraakte heden morgen, terwijl het voor anker lag, op drift, en om stranding te voorkomen moest het assistentie aannemen om alhier binnengehaald te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 8 april. Het schip BERNHARD, kapt. Schelling, van Stettin met tarwe naar Antwerpen bestemd, is de 4e dezer bij Smidstrup gestrand en vol water gelopen. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 april. Zr.Ms. schroefstoomschip het METALEN KRUIS, commandant kapt.luit.t.zee A.L. Palm, laatst komende van Kaap de Goede Hoop, is in de namiddag van de 9e dezer ter rede van Texel aangekomen. Men had gisteren hevig stormweder in de Noordzee ondervonden, waardoor de warmwaterbak der machine ten gevolge van de hevige werking van het schip defect was geraakt, een zeker niet onbelangrijke averij.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping van een kofschip. Op zaterdag 20 april 1867, des avonds te 6 uur, zal ten huize van J.W. Struve, logementhouder in het Gemeentehuis te Sappemeer tegen contant geld publiek verkocht worden het in Nederland thuisbehorende kofschip, genaamd JACOBA, groot 77 tonnen, met al deszelfs opgoed en toebehoren, in 1853 nieuw volbouwd op de werf van de Gebroeders Boerma, scheepsbouwers te Kiel onder Hoogezand, thans liggend in de haven van Groningen. Dagelijks te bezien. Te bevragen bij de heer J.D. Wolhuis, touwslager te Groningen en ten kantore van de notaris Mr. C. Hartman Busmann.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 8 april. Het schip DIANA, kapt. Schut, van Alexandria naar Londen, op 2 dezer te Plymouth binnengelopen, is lek en heeft verstopte pompen. De lading, gedeeltelijk beschadigd, wordt gelost.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 5 april. Het schip VIER NEELTJES, kapt. Koenes, van Grimsby naar Malmo is op de Zweedse kust gestrand, doch met assistentie weder af en lek te Helsingborg binnengebracht, Het moet lossen om te repareren.


12 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sappemeer, 10 april. De 7e dezer is van de werf van de scheepsbouwmeester J. Berg Jzn. alhier te water gelaten het schoenerschip ANNETTA NANNINGA, groot circa 160 tonnen, gebouwd voor rekening van de heer E. Dethmers te Meeden en gevoerd zullende worden door kapt. Z.L. Havinga.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 april. Het heeft Z.M. behaagd bij besluit van 11 dezer aan hoogstdeszelfs op ’s Rijks werf te Amsterdam op stapel staand schroefstoomschip der 1e klasse VAN GALEN de naam te geven van ZILVEREN KRUIS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 11 april. Er is gepasseerde nacht brand ontstaan aan boord van het kofschip ELISE, kapt. De Boer, liggende uitgaande in de Kanaalhaven. Men was de brand spoedig meester doordien dezelve bestond uit een presenning; de oorzaak is onbekend. Men was bereids bezig om gaten in het schip te boren ten einde het te doen zinken, welke echter direct gestopt werden zodra men de brand meester was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Het schip WIJBRANDUS UDO, kapt. Kiers, van Newcastle naar Konstantinopel bestemd, is te Granton met schade binnengelopen, maar was op 6e dezer na geëindigde reparatie gereed de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 7 april. Het schip ALBERDINA, kapt. Schuur, in ballast van Amsterdam komende, is met verlies van de beide masten, door aanzeiling op de rede alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 8 april. Het Nederlandse kofschip MARTHA, kapt. Nieboer, is met verlies van een anker en ketting weder uit zee teruggekomen en alhier op de rede geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 5 april. Het schip NIEUW BEERTA, kapt. Groen, van Girgenti naar Londen bestemd, is alhier de 2e dezer binnengelopen met verlies van de voor- en grote marsstengen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Verwer te Bolsward zal dinsdag 23 april 1867, des nademiddags 2 ure, in de Prins te Makkum, finaal verkopen:
- een schilschip (opm: schip t.b.v. de schelpenvisserij) met toebehoren; geboden NLG 110.
- een wel onderhouden tjalkschuit, groot 28 ton, gebruikt wordende voor turfschip, liggende te Makkum, door Lieuwe Bonting bevaren; geboden NLG 300.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een nieuw tjalkje, lang 14.56 el (52 voet), wijd 3.36 el (12 voet) en hol 1.40 el (5 voet), nagenoeg klaar, en twee halfsleten, een schuite van 18 ton en een veerscheepje van 7 ton, beiden met inventaris, bij H.P. van der Werff, scheepstimmerbaas bij het Buitenste Vallaat bij Drachten.


13 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende schepen, als :
Voor Rotterdam : HOLLANDSTROUW, kapt. K. P. Brauer ; KORTENAER, kapt. A. F. Schuchard , ZEEMANSHOOP, kapt. J. D. van Monnom ; COLUMBINE, kapt. C. A. Malbranc, en PHILIPS VAN MARNIX, kapt. L. F. van Ruyen.
Voor Amsterdam : AUGUSTA, kapt. J. van Tubergen ; KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB, kapt. J. Zwart ; HELENA, kapt. H. P. Dill ; WILLEMINA EN CLARA, kapt. A. A. H. van Herwerden ; LOUISA, kapt. U. Bonjer ; NIJVERHEID, kapt. C. Schaap ; SENIOR, kapt. R. P. Bakker, JACOB ROGGEVEEN, kapt. J. Vos van Marken ; A. R. FALCK, kapt. D. van der Plas ; HENRIETTA GEERTRUIDA, kapt. T. C. de Boer ; HENDERIKA, kapt. J. R. Lusink.
Voor Schiedam : VRIENDSCHAP, kapt. J. L. ter Bruggen.
Voor Dordrecht : BROUWERSHAVEN, kapt. A. Huizer.
Voor Middelburg : STAD MIDDELBURG, kapt. L. P. de Vries.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 april. Volgens telegram uit Deal, van gisteren, was het Nederlandse schip ANTHONY VAN HOBOKEN, kapt. Hazewinkel, van Banjoewangie herwaarts, met een hevige storm uit WNW aldaar binnengelopen, hebbende 106 dagen reis. Het zou zo spoedig mogelijk de reis voortzetten; alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12april. Volgens telegrafisch bericht is het Noorse brikschip FAMILIEN, kapt. Svendsen, van Antwerpen naar Noorwegen bestemd, de 8e dezer bij Borselen (opm: Borssele) gestrand - zie ons nummer van eergisteren - heden door de sleepboot TURK in vlot water gebracht en vervolgens naar Rammekens gesleept, alwaar het voor de tweede maal op strand is gezet om het voor zinken te behoeden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 10 april. Het in de nacht van de 4 op 5 dezer bij Schaprode (positie 54º 31’ NB en 13º 10’ OL), door hevige storm en sneeuwjacht gestrande Nederlandse galjootschip CHRISTINE, naar Koningsbergen bestemd zal waarschijnlijk als wrak verklaard worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leba, 7 april. De 5e dezer des morgens ten 8½ ure strandde geheel nabij Leba, bij een orkaanachtige storm uit het noorden, het op hier bestemde Nederlandse schoenerschip ELISABETH EN CHRISTINA, kapt. Visser, circa 114½ last groot en WILLEM, kapt. Janssonius, circa 70 lasten groot, in ballast van Amsterdam komende, als vroeger vermeld.
De equipages van beide schepen hebben zich met levensgevaar gered.
Het schip WILLEM is totaal en de ELISABETH EN CHRISTINA zal waarschijnlijk wrak worden. Tuig en inventarissen zijn gisteren geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 10 april. Het Nederlandse stoomschip JASON, van Amsterdam in ballast naar Pillau bestemd, heeft op Svineboden aan de grond gezeten en is gisterenavond hier binnengelopen met schade aan de boeg,. Het heeft bij het inlopen van de Sond bij dikte van mist op de stenen gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 10 april. Het Nederlandse galjootschip WICHARDINA, kapt. Van Dijken, ’t welk gisteren gemeld is, als zijnde hier gepasseerd, is bevracht geworden om in Helsingborg haver te laden naar Firth of Tay en is reeds daarheen vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 1 maart. Het Nederlandse barkschip AMAZONE, kapt. Kramers, de 19e februari van Saigon alhier aangekomen, rapporteert, dat het de 26e januari op 09º 53`NB, en 111º 09` OL, ogenschijnlijk een Chinese jonk passeerde, mastloos, met verlies van roer en met schoon dek. De zee stond op die tijd hoog en woest, daar het een harde wind uit het noorden woei, gepaard gaande met hevige rukwinden en regen. Toen wij naderbij kwamen, gingen vijf man in een sampan van de jonk zwaaiende met een stuk lap aan een bamboe vastgebonden. Hetzelfde sein werd eveneens van de jonk gedaan. Na veel moeite gelukte het ons bij de sampan te komen. De lieden, die er in waren, waren bijna uitgeput en nauwelijks in staat om zich aan boord staande te houden, daarna waren wij zo gelukkig de 9 andere Chinezen van de equipage van de jonk te redden. Twee waren reeds 2 dagen vroeger door de geleden smarten overleden. Voor zover dat wij hen konden verstaan, hadden zij reeds 57 dagen met de jonk op zee rondgedreven, en twee dagen, nadat ze Chefoo (opm: Yantai; positie 37º 27’ NB en 121º 27’ OL) hadden verlaten met bestemming naar Chusan (opm: Zhoushan; positie 29º 59’ NB en 122º 11’ OL), in een bui het tuig verloren. Achterstevoren dreef de jonk weder zuidwaarts en werd zij door visserslieden van Ningpo (opm: Ningbo) geplunderd en beroofd, die hen niets meer achterlieten dan enige vruchten, waaruit de lading bestond, en waarmede zij zich al die tijd hadden gevoed. Reeds zeven dagen hadden zij gebrek aan water gehad.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 9 april. Kapiteins der schepen die hier uit Noord Amerika arriveren, maken alle gewag van kolossale ijsbergen, die zeer ver Zuidwaarts zijn gedreven. Op 44ºNB en 53ºWL bevond zich als het ware een continent van ijs. Met dit feit brengt men in verband dat de atmosfeer zeer gestoord is, alsmede het stormachtige en regenachtige weder der laatste maanden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie Mr. B.Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op dinsdag 7 mei 1867, des avonds te 5 uur, ten huize van de logementhouder J.P. Scherpbier te Oude Pekela publiek te verkopen het in 1849 nieuw gebouwde kofschip ENGELINA, groot 137 zeetonnen, met de daarbij behorende opgoederen, staand en lopend want, zoals hetzelve laatst is gevoerd door kapt. P.O. Smith en thans is liggende te Dordrecht. De inventaris zal intijds ter lezing liggen ter verkoophuize, alsmede ten kantore van de notaris B. Haitzema Viëtor.


14 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 april. Volgens telegrafisch bericht van Vlieland van heden, was in de buitengronden op de rug benoorden Stortemelk een driemastschip gestrand. Verdere bijzonderheden ontbreken, doch men vreesde, dat het totaal verloren zou gaan. (opm: het Engelse fregat ANNIE ARCHBELL, kapt. Blacklock; zie NRC 160467)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 april. Het stoomschip AMSTERDAM, van Hamburg herwaarts, ligt, volgens telegram uit Cuxhaven van gisteren, aldaar wegens stormweer geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 12 april. Uit Memel heeft men hier heden bericht ontvangen van kapt. Van der Meijden, dat hij wegens het ijs bij het binnenkomen aldaar in aanzeiling is geweest met het brikschip JAN EN JACOB, kapt. Burghout, waardoor zijn bezaanswant en het boord zijn gebroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 13 april. Volgens telegrafisch bericht is het Noorse brikschip FAMILIEN, kapt. Svendsen, van Antwerpen naar Noorwegen bestemd, alhier in de haven gesleept. Het schip was zwaar lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 8 april. Het kofschip IDA BERENDINA, kapt. Steel (opm: L.G. Stel), van Delfzijl in ballast naar alhier bestemd, is gisteren alhier in de baai in aanzeiling geweest met het brikschip ELISE, kapt. Arnold, naar Pillau bestemd. Het eerstgenoemde schip heeft de beide masten verloren en is alhier binnen gesleept; het laatstgenoemde heeft de kluiverboom verloren.


15 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 14 april. Heden nacht is het Nederlandse schip CORNELIA HENDRIKA, kapt. Marcussen, in aandrijving geweest met de Pruisische bark VON DER HEYDT. Het eerste heeft anker en ketting verloren en is door de sleepboot KINDERDIJK op een goede ankerplaats gesleept en wordt van ankers en ketting voorzien; laatstgenoemde heeft ook schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 14 april. Het schip NEREUS, kapt. Planten, van Brouwershaven, is met het rondgaan om naar de haven te komen, verkeerd slaags gevallen en tegen de Noordwal aan de grond gekomen, maar zal met hoog water weder vlot komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 13 april. Heden is van Veere naar zee gezeild de Nederlandse schoener MARIA ADOLPHINA, kapt. Meuldijk, in ballast naar Engeland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Trinidad, 25 maart. Het brikschip ALLIANCE (opm: vermoedelijk buitenlander), van Demerara naar Queenstown bestemd en geladen met hout, is de 15e dezer op 25 mijlen afstand van dit eiland lek gesprongen en gezonken. De equipage is in haar eigen boot hier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Callao, 27 februari. Het schip ORION, kapt. Muller, is uit zee teruggekomen. Het was reeds op 23ºZB en 88º WL geweest. Het maakte 8 duim water per uur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Manilla, 22 februari. Het Nederlandse schip ANTONIA PETRONELLA, kapt. Vorendijk, van Hongkong naar Honolulu bestemd, ’t welk alhier de 2e december lek, enz. is binnengelopen doordien het op strand heeft gezeten, is afgekeurd en zal de 25 dezer geveild worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 8 maart. Het Nederlandse barkschip ELLINA, kapt. Lammerts, van Saigon naar Hongkong bestemd, ’t welk, zoals vroeger vermeld is, de 6 dezer is binnengelopen doordien het lek is gesprongen, is bezig de lading te lossen om in het dok verhaald te worden.


16 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 15 april. Voor rekening der Reederij De Toekomst, onder directie van de heer A. E. Maas te Scheveningen, zijn heden alhier met gunstig gevolg van stapel gelopen het bunloggerschip DE HOLLANDER, gebouwd op de werf van de scheepsbouwmeester Jan J. Roelands, alsmede het bunloggerschip ARNOLDINA MARIE, gebouwd op de werf van de scheepsbouwmeester Jacobus de Korver. Beide vaartuigen zijn bestemd voor de haring en kabeljauwvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Aan de avond van de 11e april ll. ontsliep zacht en kalm, na een smartelijk lijden, mijn geliefde echtgenoot Cornelis van Duijn, in leven gezagvoerder op het Nederlandse barkschip FAGEL, in de nog jeugdige leeftijd van ruim 33 jaren. Slechts twee jaar en twee maanden mochten wij door een gelukkige echt verenigd zijn. Hoe smartelijk dit verlies mij met mijn jeugdig kindje, te jong zulks te beseffen, en zijn diep beproefde moeder treft, zullen allen beseffen, die de overledene in zijn leven gekend hebben.
Katwijk aan Zee, 14 april, Wed. C. van Duijn, J. Ouwehand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 april. Het in de buitengronden van Vlie gestrande driemastschip, is gebleken te zijn het Engelse fregat ANNIE ARCHBELL, kapt. Blacklock, met guano, van Apia naar Hamburg. Van de equipage zijn 21 man gered, terwijl drie daarbij omgekomen zijn. Het schip is verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 15 april. Kapt. Marcussen, met het Nederlandse schip CORNELIA HENDRIKA alhier van Java gearriveerd, rapporteert op woensdag 3 april, des voormiddags ten 11 ure, op 39º43`NB en 24º50`WL, een wrak van een groot schip te hebben zien drijven met de kiel naar boven, ogenschijnlijk van Nederlandse oorsprong aan de bouwtrant en het koper te zien, zijnde het koper er voor een groot gedeelte afgesloopt. Het achtergedeelte, tot ongeveer de bezaanmast, was er afgebroken en enige gaten in het vlak gehakt en gezaagd. Het scheen nog niet lang gedreven te hebben, daar het nog niets was aangegroeid.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 15 april. Heden nacht is van het schip NEREUS een anker uitgesleept door de stoomboot ROTTERDAM, maar kon door zware storm niet van de grond komen, doch zit niet gevaarlijk. Het schip is later door assistentie der stoomboten ROTTERDAM I en II vlot gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bolderaa, 9 april. De Noorderstorm van gisteren heeft weder grote ijsmassa’s uit zee naar de rede gedreven. De mond der rivier en het zeegat zijn vast. Vissers zijn bezig met het laatste te openen. De afstoming (opm: vermoedelijk wordt bedoeld: afstroming) uit de Duns (opm: waarschijnlijk de Daugava rivier) wordt sterker.


17 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 april. De 25e dezer vertrekt Zr.Ms. stoomschip VALK naar Birkenhead om het ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN af te halen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het snelzeilend Nederlands barkschip BREDERODE, gebouwd in 1855, groot 311 gemeten lasten, vóór omtrent anderhalf jaar vernageld, gedeeltelijk herbouwd en geheel gerepareerd en nieuw gekoperd.
Het schip heeft een goede inventaris en ligt in het Haringvliet te Rotterdam.
Nadere informaties bij Wambersie & Zoon en de makelaars F.N. Montauban van Swijndregt en F.& W. van Dam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 april. Gisteren morgen is met de stoomboot BATAVIER van Londen alhier aangekomen D.B.N. Piebes, gezagvoerder van het Nederlandse schoenerschip ADRIANUS. Onder verdenking liggende van pogingen te hebben aangewend om dit schip op de hoogte van Scilly te doen zinken, waarvan in ons nummer van 9 dezer uitvoerig melding is gemaakt, werd hij bij zijn aankomst alhier onmiddellijk door de politie aangehouden en naar het huis van arrest overgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 15 april: het schoener-brikschip CONCORDIA, gebouwd in 1861, kapt. M.P. Brandts: NLG 14.000, in slag NLG 125. Koper: A. Vinke.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 april. Het schip IJMUIDEN, naar Cardiff bestemd, heeft anker en ketting verloren en is door de sleepboot ZUID-HOLLAND op de Kanaalhaven gesleept om zich daarvan te voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 april. Het Nederlandse schip GEERTRUIDA MARIA, kapt. De Ligny, van Dordrecht naar Cardiff, is, volgens telegram uit Cowes van gisteren, aldaar met verlies van zeilen, anker en ketting binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven. 14 april. Het kofschip JANTINA, kapt. Tak, van Kennetpans naar Faxoe bestemd, geladen met steenkolen, is alhier lek binnengelopen, hebbende bij Hirtsholm aan de grond gezeten en door assistentie afgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 14 april. Het Nederlandse kofschip CATHARINA ALIDA, kapt. Feiken, van de Zoutkamp naar Laurvig bestemd, is alhier heden in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 13 april. Het Nederlandse stoomschip AMICITIA, kapt. De Vries, van Bergen hier aangekomen, heeft schade aan de machine en het schip bekomen, en is enigszins lek.


  JB - Javabode

Batavia, 17 april. De 13e dezer is op Brouwersrif gestrand het Engelse schip HOTSPUR, groot 1070 ton, gezagvoerder John Bryant, van Manila met bestemming naar New York. De equipage is te Anjer aan wal gekomen.


  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie. De ondergetekenden zullen op donderdag, de 18e dezer, ten 10 ure op vendutie verkopen, voor rekening van belanghebbenden: het wrak van het Nederlandse fregatschip JOHANNA MARIA CHRISTINA, gevoerd door kapt. C.N. Gorter, met de thans nog aanwezige lading en inventaris, zoals hetzelve is liggende of niet liggende op een rif van het eiland Edam. De gedeeltelijke lading en inventaris-goederen, thans nog aan boord zijnde, bestaat uit plus minus 500 pikols tin, 100 pikols sapanhout, ankers, kettingen, waarloos rondhout, ijzeren waterketels, watervaten, enz. enz. Voorts 3 sloepen met tuig en tenten. Zullende de geredde goederen en inventaris op een nader te bepalen dag worden verkocht. Van den Abeelen & Co. (opm: de JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, was op 13 april 1867 van Batavia naar Soerabaja vertrokken en liep kort na vertrek aan de grond bij Edam)


  JB - Javabode

Advertentie. Op zaterdag de 20e dezer, zullen de ondergetekenden in het lokaal van het vendu-departement verkopen: het wrak van het Engelse schip HOTSPUR, met lading. Nadere informaties bij John Pryce & Co.


  JB - Javabode

Advertentie. Op zaterdag de 20e april, zal door tussenkomst van het vendu-departement verkocht worden: de snelzeilende schoener KEMBANG DJATTIE, die door gebrek aan tijd op de vendutie van de 26e maart ll. bij de H.H.F. Cassalette & Co niet is kunnen worden opgeveild. De betrekkelijke stukken liggen ter inzage bij het vendu-departement.


  JB - Javabode

Blijkens een circulaire van de commissarissen van het Bataviasch Praauwenveer aan de leden van de Handelsvereniging alhier, kan de gemeenschap met de rede, door middel van de stoomboot TJILIWONG, slechts met verlies worden volgehouden. Zij nodigen mitsdien de leden van de vereniging uit door een vrijwillige bijdrage aan de kosten tegemoet te komen. Het is zeer te wensen, dat een gelegenheid, die tot zo groot gerief voor het reizend publiek verstrekt, niet worde opgeheven.


18 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Wij vernemen, dat het klipper-fregatschip met hulp-stoomvermogen
’s-GRAVENHAGE, kapt. Bok, gisteren middag ten 12½ ure van hier vertrok naar de Nieuwe Sluis en aldaar ten 2 ½ ure tegen wind en stroom is aangekomen, waarna het ten 8½ ure te Hellevoetsluis arriveerde. Bij aanhoudend harde zuidwestenwind heeft het die overtocht geheel gedaan door eigen stoomkracht, waarbij de machine uitmuntend werkte. Het schip is vervolgens naar Brouwershaven opgestoomd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam zijn van mening, als last hebbende van hunne meesters, op dinsdag de 30e april 1867, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1 nº. 499, publiek te verkopen het extra snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip MARIA ANNA, laatst gevoerd door kapt. J. D. van Monnom, volgens meetbrief lang 37 el 50 duim, wijd 6 el 58 duim, hol 5 el 4 duim, en alzo groot 553 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven binnen deze gemeente.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 april. Het Nederlands schip JANTJE, kapt. Zuidland, van hier naar Hamburg, is, volgens telegram uit Geestemünde, van gisteren, aldaar met 1 voet water in het ruim en verlies van ankers en kettingen binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 april. Volgens brief van kapt. Lusink, voerende het schip HENDERIKA, van hier naar Soerabaija, bevond hij zich, na sedert zijn vertrek veel storm te hebben doorgestaan, in goede staat zeilende de 21 februari jl. op 03º40`NB, 20`WL. Aan boord was alles wel. (opm: bedoeld kan zijn 20ºWL)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 16 april. Het schip ANNIE WELLOCK, kapt. Blockock, op Stortemelk gestrand, is verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 15 april. Sedert de 4e dezer zijn er 10 lijken bij Mullion van het wrak van de JONKHEER MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK aangespoeld, zij waren alle in zulk een geschonden staat, dat men met geen mogelijkheid de identiteit er van kon bevestigen.
Aan de vierde vinger van de linkerhand van een der lijken bevond zich een gouden ring. Hij was zeer licht en kon niet toebehoord hebben aan iemand die gewoon was zwaar te werken; waarschijnlijk was het lijk van een der passagiers. Toen de lijken gevonden werden, waren al de klederen van de lichamen gescheurd, zoals gewoonlijk het geval is in de Mountsbay door de werking van de grondzee. Er worden nog 10 lijken vermist, aangezien 25 mensen met het schip zijn omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 15 april. Het schip TASMANIA, kapt. Doewes, voor vier dagen naar Liverpool vertrokken, is alhier teruggekomen. Het rapporteert slecht weder in het Kanaal ondervonden te hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 8 april. Het Nederlandse schip IDA BERENDINA, kapt. L. G. Stel, alhier van Delfzijl gearriveerd, is in aanzeiling geraakt met het schip ELISE, en heeft daarbij masten verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 12 april. Het Nederlandse schip CONCORDIA, kapt. D. v. d. Meijden, alhier van Harlingen gearriveerd, was bij het binnenkomen in aanzeiling geraakt met het schip JAN EN JACOB, kapt. J. Burghardt, en had daarbij de bezaansmast gebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. A. Muntinga Cleveringa, notaris te Appingedam. zal ten verzoeke van de heer H.J. Kraan op dinsdag 23 april 1867, des avonds ten 6 uur, ten huize van de Wed. B. Roelfsema te Delfzijl publiek verkopen het Nederlandse koftjalkschip HENDERIKA SEBERDINA, groot 42 ton, bevaren wordende door H.J. Kraan voornoemd, thans liggend te Delfzijl, met complete inventaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping van een kofschip. Op zaterdag 20 april 1867, des avonds ten 6 uur, zal ten huize van J.W. Struve, logementhouder in het Gemeenthuis te Sappemeer publiek verkocht worden het in de Nederlanden thuisbehorende kofschip, genaamd JACOBUS, groot 77 ton, met al deszelfs opgoed en toebehoren, in 1853 nieuw volbouwd op de werf van de Gebr. Boerma, scheepsbouwers te Kiel onder Hoogezand, thans liggend in de haven van Groningen en bevaren door kapt. J.H. Koning, dagelijks te bezien. Te bevragen bij de heer J.D. Wolthuis, touwslager te Groningen, en ten kantore van de notaris Mr. C.Hartman Busmann.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op vrijdag 26 april 1867, des avonds ten 7 ure, zal ten huize van R.G. Koops te Nieuwe Pekela publiek worden verkocht een overdekt tjalkschip genaamd WIJKA, in den jare 1864 volbouwd op de werf van scheepsbouwmeester Vrij te Nieuwe Pekela, bij welke hetzelve thans is liggende, groot 67 tonnen, met al deszelfs opgoederen en inventaris.
Mr. F. Roessingh, notaris.


19 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Het schip SURINAME, kapt. Middelberg, van North-Shields naar Suriname, in het Nieuwediep lek binnen, zal repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Het schip VIJF GEZUSTERS, kapt. De Vries, van Bremen naar Amsterdam, is de 14e april te Bremerhaven uit zee teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 15 april. Het schip SPERWER, kapt. Boer, hier zeilklaar liggende, is 12 dezer door de harde wind in aandrijving gekomen en met gebroken boegspriet, enz. ter herstelling naar de Zoltkamp opgezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 12 april. Het schip TASMANIA, kapt. Douwes, naar Liverpool bestemd, ’t welk gisteren alhier is teruggekomen - zie ons vorig nummer - rapporteert de 13 dezer, omstreeks 2 mijlen van Start Point, een groot schip te zijn gepasseerd, dat de fokkemast en al het tuig, daaraan bevestigd, verloren had, koers zettende naar Dartmouth of Torbay.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 april. In de storm van ll. zaterdag strandde in het Stortemelk bij Terschelling de Engelse bark ANNIE ARCHBELL, kapt. John Blacblock, met guano van Apio (Zuidzee) naar Hamburg. Op een ongelofelijke, men zou haast zeggen, wonderdadige wijze, werden de kapitein, de loods en 21 man gered door de loodsboot no.1, schipper De Boer, terwijl een scheepsjongen en een passagier er bij omkwamen. Van de geredden zijn hier 19 personen aangevoerd, die door de vice-consul zijn verpleegd, en heden morgen met de stoomboot NORA naar Londen zijn overgebracht, terwijl de anderen op Terschelling verbleven om zo mogelijk nog iets van het wrak te redden.


20 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Het schip DIRKJE, kapt. Poort, van Bremen naar Amsterdam, is de 16 april te Bremerhaven uit zee teruggekeerd, doch heeft de 18e de reis hervat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 17 april. De schepen JOHANNES, kapt. Pot, en ARENDINA SOPHIA, kapt. Lodewijks, beiden van hier naar de Paap, zijn op de Plaat gezonken.De equipages zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 18 april. Het Nederlandse kofschip AURORA, kapt. Boon, hier aan de grond geraakt is weder vlot gekomen. Een 60-tal schepen is heden in zee gezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 18 april. Het Nederlandse kofschip ANDREAS WILHELM, kapt. Koster, van Osterrisoer naar Edam bestemd, is alhier in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 17 april. Het schoener-kofschip STAD WORKUM, kapt. Eisenga, geladen met steenkolen, is gisteren alhier van Hull op de rede gekomen. Het heeft op de reis de grote boom, zeilen enz. verloren, en tevens een lek bekomen. Het heeft echter, nadat het order naar Malmö bekomen heeft, heden de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 13 april. Het schip KENNA, kapt. Zeeman, van hier naar St. Petersburg, op de hoogte van Pemche (opm: waarschijnlijk Peniche; positie 39º 21’ NB en 09º 23’ WL) door het volk verlaten en sedert lek hier binnengebracht, is onderzocht en moet lossen. De bemanning is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 12 april. Het schip CERES, kapt. De Haan, van Newcastle naar Livorno bestemd, hetwelk alhier de 22e maart lek enz. is binnengelopen, heeft de lading gelost en is bezig om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 18 april. Gisteren arriveerden alhier de nieuwgebouwde galjoot SECCOBA FENNA (opm: SECOBA FENNA), kapt. R.P. Jager, van Zuidbroek, groot 80 ton, gebouwd bij G. Bodewes te Foxhol, en het schoenerschip JANTINA MARIA, kapt. R. Keijzer, van de Wildervank, groot 180 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


  JB - Javabode

Het wrak van de JOHANNA MARIA CHRISTINA, met inhebbende lading van 500 pikols tin, heeft, zonder de inventaris die afzonderlijk zal worden verkocht, opgebracht de som van NLG 20.300.


  JB - Javabode

Het wrak van de HOTSPUR heeft heden voormiddag op vendutie NLG 860,- gehaald, terwijl de sloepen enz. voor NLG 718,- zijn verkocht.


  JB - Javabode

Soerabaja, 15 april. Op de publieke vendutie van het dok alhier is zaterdag jl. verkocht Zr.Ms. afgekeurd stoomschip MONTRADO, koper de heer Nicolaï, voor de prijs van NLG 11.000,-, terwijl de inventaris van dat vaartuig ruim NLG 1.500 en de kruisboot no. 17 NLG 1.001 heeft opgebracht.


21 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Volgens telegrafisch bericht is het fregatschip ANTJE, kapt. Van der Hoog, de 20e april ’s morgens te Newcastle upon Tyne aangekomen, hebbende de reis van Hellevoet daarheen in 37 uren volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Heden arriveerde te Brouwershaven het Rotterdamse barkschip WILHELMINA, kapt. Willenbrink, hebbende slechts 20 dagen reis van New-York. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 21 april. Woensdag jl., is ter rede van Veere gekomen de schoener ADRIANA FRANCISCA, kapt. Van Eijk, van Newcastle met kolen, naar alhier bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Colberg (opm: Kolobrzeg), 17 april. Het Nederlandse kofschip VOLLENHOVEN, kapt. Koning, van Newcastle naar alhier bestemd en geladen met steenkolen, strandde alhier dicht bij de haven met de loods aan boord. Men onderstelt dat het totaal weg zal zijn.


23 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 april. Volgens telegrafisch bericht uit Nieuwediep is het schip BARON VAN PALLANDT VAN ROOSENDAAL, kapt. Kramers, van Banjoewangie naar Amsterdam bestemd, op de Oostplaat gestrand. Het is vol water. De lading koffij en suiker wordt beschadigd geborgen. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 21 april. De stoomboot FIJENOORD is lek geworden door het liggen tegen de duc d’alven (opm: dukdalven) binnen de sluis. Met pompen is men het lek meester en zal men trachten het te stoppen. De boot is opgesleept naar Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 april. Het Nederlandse schip FROUKINA HILLECHIENA, kapt. Oosterhuis, van Malmö met gerst naar Schiedam, is, volgens telegram uit Skagen van gisteren, aldaar gestrand. Het volk is gered. Men hoopt de lading te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 21 april. Te Vlissingen zijn in de haven gekomen de Noorse brik INSULINDE, kapt. Christensen, in ballast komende van Antwerpen en bestemd naar Newcastle en de Nederlandse kof AURORA, kapt. Boon, met stukgoederen van Antwerpen naar Bergen - beide tot herstel van bekomen zeeschade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 21 april. Het Nederlandse barkschip LUCTOR ET EMERGO is heden in het droog dok te Vlissingen gezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bombay, 17 april. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip (opm: bark) ABEL TASMAN, kapt. Rijke (opm: J.R. Rijken), geladen met katoen, op Rangore rif (Laccadiven-eilanden) (opm: Indiasche eilandengroep; positie 10º 21’ NB en 72º 46’ OL) verongelukt. Men trachtte vóór de moesson de lading te bergen. De equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 24 april. Heden arriveerde alhier het nieuwgebouwde galjootschip ALPHA, kapt. H. Luveling (opm: H.H. Ludeling) van Sappemeer, groot 100 ton, gebouwd bij H. Boerma te Martenshoek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zoutkamp, 23 april. Zondag j.l. is op de Babbelaar (opm: plaat) gestrand het tjalkschip ALIDA, kapt. Deen (opm: waarschijnlijk binnenschip), van Lobith met grint naar Warfhuizen bestemd. Het volk is gered, de tuigage geborgen en men is bezig de lading te bergen. (opm: zie ook NRC 250467)


24 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 22 april. Het Ned. schip BARON VAN PALLANDT VAN ROOSENDAAL, kapt. Kramers, van Banjoewangie naar Amsterdam, is door het breken van de ketting op de Oostwal gestrand en lek gestoten - zie ons nummer van gisteren. De equipage is hier door de sleepboten aangebracht. De kapitein, de stuurlieden en de loods zijn aan boord gebleven, doch zij zijn heden morgen alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 april. Het schip FORTUNA, kapt. Hansen, van Christiana naar Amsterdam, is in een hevige storm, na ankers en kettingen verloren en masten gekapt te hebben, op de Makkumer Waard gestrand. Assistentie is derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 april. Het schip CATHARINA, kapt. Hansen, van Frederikstad naar Amsterdam, is, na het boventuig gekapt te hebben, bij de zwarte ton liggende. Assistentie is derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 23 april. Het barkschip JULIE, kapt. van der Plassche, zit nog in dezelfde staat - zie ons nummer van gisteren. Men zegt dat het zal moeten lossen om weder vlot te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Colberg (opm: Kolobrzeg), 17 april. Heden voormiddag is het Nederlandse kofschip VOLLENHOVE, kapt. Koning, bij een zware noordwester storm en sterke sneeuwjacht, in de nabijheid van deze haven gestrand. Het was met steenkolen van Newcastle herwaarts bestemd. Een poging om het schip af te brengen, mislukte door het breken van kettingen en touwen. Van de inventaris kon tot dusver wegens de onstuimige zee niets geborgen worden. Een gedeelte der lading is reeds aan strand gespoeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Simonsbaai, 19 maart. Heden is alhier aangekomen het Nederlandse barkschip LAURA EN ADÈLE, kapt. Lund, van Banjoewangie naar Amsterdam bestemd, wegens gebrek aan water en doordien de kapitein ziek is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 maart. De 19e dezer kwam het schip GALILEI, kapt. B. S. van der Meij, in deze haven aan. Het was op 12 december jl. met een lading suiker en koffij van Batavia vertrokken met bestemming naar Amsterdam. Bij het binnenkomen had het veel kans op strand te lopen nabij Houtbaais Punt ten gevolge van de dikke mist, grote stilte en sterke stroom, welke als toen heersten. De stoomboot GNU heeft het schip uit die gevaarlijke staat gered. De kapitein bericht, dat zaterdag namiddag, toen hij Kaappunt omkwam, het vaartuig plotseling op een blinde klip of wrak stootte, en daardoor lek is geworden. De stoomboot GNU is door arbiters voor het redden van de GALILEI uit diens hachelijke toestand de som van GBP 300 toegekend. Het vaartuig zal nu binnen kort op de scheephelling worden gesleept, om gerepareerd te worden. De 8e dezer werden van dit schip verkocht 615 balen Java koffie, meer of min door zeewater beschadigd, en wel tegen 55sh.6d. per 100 pond.
De firma O. J. Truter Sr. zijn agenten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 maart. Van de FREDERIK HENDRIK, die, zo als wij in ons bericht mededeelden, in Simonsbaai is binnengelopen, is op 21 februari aan de koorts overleden de eerste stuurman Goedhardt. Van dit vaartuig werd op 5 dezer een verkoping gehouden van beschadigde lading. De koffij ging voor 56sh. tot 58sh. per 100 pond, en de suiker van 29sh. tot 33sh. dito. De bark is thans op de scheepshelling en ondergaat reparatie. Ook van dit schip zijn de firma O. J. Truter Sr. Agenten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 maart. De bekende brik CONCORDIA, kapt. A. van Zanten, is op 2 dezer hier binnengekomen, na op 1 december j.l. van Rotterdam te zijn vertrokken. In het Engelse kanaal had het schip gedurende 21 dagen met een zware storm te kampen gehad. Slechts twee passagiers hebben de reis medegemaakt, de heren J. Bolmer en G. Sluiter. De agenten zijn de heren Juta en Co.
Tenslotte hebben zij gemeld, dat op 22 februari jl. van Algoabaai naar Amsterdam is vertrokken de brik CHRISTINA MARIA, welke op 4 november jl. Algoabaai binnenliep om te repareren.


25 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Zr.Ms. schroefstoomschip ZOUTMAN, onder bevel van de kapt.luit.t.zee N.M.J. Kroef, is in de voormiddag van de 24e dezer van zijn reis uit Oost-Indië ter rede van Texel aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Het schip NEÊRLANDS VLAG, kapt. Meeter, met boekweit van Nantes naar Zwolle, is de 23e april op de brede bank bij Wieringen gestrand en vol water gelopen, doch het volk gered en de inventaris geborgen. De lading werd gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Volgens brief van Zoltkamp van de 23e april is de 21e dito op de Babbelaar gestrand en gebroken het Nederlandse tjalkschip ALIDA, schipper Deen, beladen met grint, komende van Lobith en bestemd naar Warfhuizen. Het volk is gered, de tuigage geborgen, en men is bezig om de lading te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. Volgens brief uit Norden, dd. 22 dezer, zijn de schepen MARGARETHA, kapt. Prahm en WOBKEA, kapt. Prahn, te Norderney gestrand. Het schip (opm: kof) EENDRACHT, kapt. D. de Witt, van Noorwegen naar Delfzijl, is bij Schaitesand (opm: het Schuitenzand in de Eemsmonding) gezonken; te Bautsand (opm: mogelijk Krautsand in de Elbemonding) is een tjalk naar Delfzijl bestemd, gestrand; het schip VENEGI, kapt. Beerthuis, van Bremen naar Rotterdam, is hier met assistentie binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. Het schip JONGE EVERT, kapt. Sparrius, zal, volgens brief van de kapitein d.d. Alexandrië 11 dezer, binnen enkele dagen naar Triëst vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 24 april. Volgens telegrafisch bericht zit het barkschip JULIE, kapt. van der Plassche, nog in dezelfde toestand. (zie ons nummer van gisteren en eergisteren.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 22 april. Heden is alhier binnengelopen het schip VISSCHERIJ, kapt. Fortuin, van Workum naar Londen bestemd. De lading zal alhier gelost worden om ze per spoor naar Londen te verzenden.


26 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 april. Zondagmorgen de 21e dezer, omstreeks half zes ure, werd van de vuurtoren Kijkduin geseind om assistentie van een sleepboot voor een binnenkomend schip, hetwelk nader bleek te zijn de Nederlandse bark BARON PALLANDT VAN ROSENDAEL, kapt. W.S. Kramers, geladen met koffij, suiker en tin, komende van Java en bestemd naar Amsterdam. Niettegenstaande de hevige zuidwesten wind en vliegende stroom, stoomde de STAD AMSTERDAM, kapt. Bakker, onmiddellijk de haven van Nieuwediep uit en ontmoette het schip in het Marsdiep bij Den Helder. De sleeptrossen werden overgeworpen en vastgemaakt. De loods had de kapitein het gewone welkom-binnen toegewenst en niemand aan boord dacht anders of men zou, na een bange nacht te hebben doorgestaan, na een half uur zich in een veilige haven bevinden. De wind stak echter meer en meer op en voor de haven zijnde, kwam een stormbui invallen, zodat er geen mogelijkheid was onder die omstandigheden de haven te bereiken, daar de krachten van de sleepboot niet toereikend waren. Kapt. Bakker achtte het raadzaam kapt. Kramers in overweging te geven het anker te laten vallen totdat wind en stroom enigszins bedaard zouden zijn. Dit geschiedde, doch met het ongelukkig gevolg dat de kettingen zowel van het tweede als van het eerste anker braken. Kapt. Bakker zette onmiddellijk sein op om assistentie van een tweede boot. Ieder verwonderde zich over het lang uitblijven van de te hulp geroepen boot, doch eindelijk kwam de ARCHIMEDS, kapt. De Liefde, opdagen. Inmiddels had kapt. Bakker alle manoeuvres beproefd om het schip in diep water te houden en was reeds wegens de hevige vloed en wind tot op de hoogte van het Oudeschild gedreven, alvorens de ARCHIMEDES voorspande. Te vergeefs waren de pogingen van de beide boten om het schip in wind en stroom op te slepen. Het uiterste werd beproefd, doch door de onstuimige zee geraakte een van de sleeptrossen van de AMSTERDAM in de schroef van de ARCHIMEDES, waardoor die sleeptros werd stuk geslagen, terwijl de andere, zomede die van de ARCHIMEDES, braken. Men zag zich toen genoodzaakt het schip aan zijn lot over te laten en met de boten een veilige ankerplaats op te zoeken teneinde de bekomen schade zoveel mogelijk te herstellen. Het duurde daarna niet lang of het schip zat op de Oostwal aan de grond. Door het hevige stoten werd het spoedig lek, terwijl de grote (ijzeren) mast en voormarssteng overboord vielen. Een benauwd ogenblik! De storm enigszins bedarende, lichtten de boten het anker, koers zettende in de richting waar het schip was heen gedreven, om zo mogelijk de bemanning van de BARON VAN PALLANDT te redden. Daar het niet mogelijk was wegens de woedende zee om het schip met een sloep te naderen, nam kapt. Bakker het koene, maar voor het behoud van zijn boot en bemanning zeer gewaagde besluit om het schip op zijde te schieten, en dank zij zijn moed en beleid mocht het hem gelukken, welk voorbeeld daarna door de kapt. De Liefde met de ARCHIMEDES gevolgd werd. Een gedeelte van de equipage met hun goederen ging op beide boten over, benevens enige goederen en de voornaamste papieren van de kapitein. De kapitein, de loods, de stuurlieden en de hofmeester wilden het schip nog niet verlaten, ofschoon het voorschip reeds vol water zat. Een loodsvaartuig, dat inmiddels ter assistentie was aangekomen, bleef op korte afstand van het schip ten anker. Toen het weder maandagmorgen enigszins bedaard was, bleek het de kapitein dat het schip niet meer was te redden en besloot hij, vergezeld van de overige achtergeblevenen, om op genoemd loodsvaartuig over te gaan, waarmede zij te Nieuwediep zijn aangebracht. Een aantal schuiten zijn gisteren te Nieuwediep successievelijk aangekomen, die zoveel mogelijk van de inventaris en de lading hebben geborgen. Een van de opvarenden van een van de schuiten heeft het ongelukkige lot getroffen om bij het aftuigen van het schip uit de mast te vallen op het dek. Hij is aan de gevolgen onmiddellijk bezweken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 april. Aangaande het op de Oostwal van Texel gestrande schip BARON VAN PALLANDT VAN ROOSENDAAL, kapt. Kramers, van Banjoewangie naar Amsterdam, wordt van het Nieuwediep van 24 april gemeld, dat het tot aan het dek onder water zat. Van de lading waren circa 300 balen koffij gezond geborgen, alsmede een grote hoeveelheid losse koffij, benevens 25 à 30 schuitjes tin, terwijl men hoopte ook de overige koffij en tin te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. Volgens brief van kapt. Van der Meij, voerende het Nederlandse schip GALILEÏ, de 19e februari jl. met schade in Tafelbaai binnengelopen - bevorens gemeld - was hij de 16e te voren, 's namiddags tussen 2 en 3 uur, met een harde zuidoosten wind en een negenmijls vaart, zeilende op circa 12 Engelse mijlen van Kaap Punt, toen het schip stootte, naar men veronderstelt op een blinde klip of drijvend wrak, en weldra zo lek werd, dat na vervolgens scheepsraad gehouden te hebben, besloten werd de Tafelbaai binnen te lopen; dat derwaarts koers werd gezet, doch door aanhoudende stilte en dikke mist werd het schip door stroom voortgedreven en bevond zich eensklaps nabij enige brekers; men liet dadelijk het anker vallen en deed verscheidene noodschoten; toen de volgende morgen de mist was opgeklaard, bespeurde men zich nabij Houtbaai's punt te bevinden, omtrent twee scheepslengten van de wal, waarop naar Tafelbaai werd gezonden ter assistentie, doch ontmoette men de stoomboot GAU, welke reeds op weg naar de GALILEÏ was, die dan ook genoemde bodem, welke tot veiligheid van schip en lading haar anker en ketting slippen liet, op sleeptouw nam en het schip in de namiddag van 19 februari in Tafelbaai op 6 vademen water, ten anker bracht. Door de stoomboot werd GBP 500 geëist, doch door arbiters uitspraak gedaan, dat aan de eigenaars daarvan GBP 300 voor hulp zal worden uitbetaald, terwijl de kosten van arbitrage ieder voor de helft zullen worden gedragen. De GALILEÏ had reeds 2/3 van zijn lading gelost, waarvan een gedeelte, hoofdzakelijk koffie, beschadigd. Reeds waren 615 balen op vendutie verkocht. Het schip zou op de scheepshelling halen om te worden nagezien, doch moest daarmee nog enige dagen wachten daar genoemde sleephelling in gebruik was door een van de mailboten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. Volgens brief van Kaap de Goede Hoop, dd. 18 maart, was het schip FREDERIK HENDRIK, kapt. van Ameyden van Duyn, van Patjitan naar Rotterdam, lek in Simonsbaai binnen, - zie ons nummer van eergisteren - onderzocht en moest opnieuw gekoperd worden. 531 balen koffij en 43 kranjangs suiker, beschadigd, waren verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 23 april. De Nederlandse kofschepen ALLEGONDA MARIE, kapt. Van der Meulen, van Noorwegen naar Dokkum en RIETJE SIKKENS, kapt. Schaaf, van Rotterdam naar Koningsbergen bestemd, zijn beiden hier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 23 april. Gepasseerde zondagavond, de 21e dezer, is bij Neuwerk (opm: in de Elbemonding) gestrand het tjalkschip GESINA, met een lading hout van Hamburg naar Papenburg bestemd. De equipage is gered; het schip zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 23 april. Volgens telegrafisch bericht is het brikschip ELIZABETH, kapt. Bell, op zee verlaten geworden. De equipage is alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 21 april. Het Nederlandse schip JANTINA, kapt. Tak, van Kennetpans (opm: haventje nabij Grangemouth) naar Faro, alhier lek binnengelopen, heeft de lading gelost.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop drie schepen, als een nieuwe beste praam, groot 7 ton, een halfsleten veerschip, groot 12 ton, en een best tjalkscheepje, groot 14 ton, met tuigage, bij E.H. van der Zee te Joure.


27 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 maart. Bij uitspraak hebben de arbiters in de zaak der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij contra de agenten van het Engelse barkschip LADY LOUISA beslist, dat aan de eigenaresse geen bergloon doch hulploon verschuldigd is, en het bedrag van dat hulploon bepaald op NLG 40.000. Deze uitspraak is niet aan hoger beroep onderworpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 maart. Vrachten. Nederlandse vlag. L.J. ENTHOVEN, werd door de Factorij opgenomen tot NLG 47,50 voor koffij en suiker en daarna de DIANA tot NLG 50 voor suiker en koffij insgelijks door de Factorij. De EMILIE accepteerde 40 $ cents per picol van Soerabaja naar Amoy voor oliekoeken. Er zouden nog wel een paar schepen dadelijk lading naar Nederland kunnen bekomen, doch tot de tegenwoordige vrachten zijn daartoe ongeneigd de volgende ter bevrachting blijvende Nederlandse schepen: LOUIS MEIJER, QUINTET, HELENA HENRIETTE, PHILIPS VAN MARNIX, ELISABETH JACOBA, MARIA CATHARINA, J.M. CHRISTINA, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, SOUBURG en HONIGBIJ.
De MARIA VERONICA, HENRIETTE, VIER GEZUSTERS, HENDRIK en STAD LEYDEN maken kustreizen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Aangaande de schepen ARGUS, kapt. Tuk, de 19e augustus uit Hellevoetsluis naar Havanna en WELF, kapt. Kuneke, de 24e november van Havanna naar Antwerpen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 24 april. Kapt. Fahnster, voerende de Pruisische tjalk VROUW KEA, rapporteert, dat in Dwarsgat het tjalkschip ANTINA, kapt. Bartels (opm: mogelijk buitenlander), van Altona naar Amsterdam bestemd, geladen met boekweit en chichorij, is gezonken. De equipage is daarbij omgekomen en het lijk van de gezagvoerder Bartels is in Ostern, op Eversand gevonden en aldaar begraven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 april. Het Nederlandse kofschip CATHARINA JOHANNA, kapt. H.E. Panman, is alhier van Nieuwpoort aangekomen met gescheurde zeilen. Het heeft zeer slecht weder in het Kattegat ondervonden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 26 april. Heden arriveerden alhier het nieuwgebouwde galjootschip GEPBINA, kapt. W. Lohman, van Veendam, groot 140 ton, en het schoenerbrikschip ANNA SOPHIA, kapt. Bulderbeek, van Kloosterburen, groot 200 ton. Beide zijn gebouwd bij Drenth te Muntendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 24 april. Een brief uit Norden van 22 dezer meldt, dat daar met assistentie is binnengebracht het schip FENNEGINA, kapt. Beerthuis, van Bremen naar Rotterdam.
Voorts waren de schepen MARGARETHA, kapt. Prahm, van Cuxhaven naar Groningen, en WOBBEA, kapt. Prahm, op Norderney gestrand.
Het schip EENDRAGT, kapt. De Wit, van Noorwegen naar Delfzijl, was bij het Schuitengat (opm: het Schuitenzand in de Eemsmonding) gezonken, terwijl op Rautsand (opm: mogelijk Krautsand op de Elbe) een tjalk was gestrand, bestemd voor Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwe Diep, 23 april. Het schip BARON VAN PALLANDT VAN ROOSENDAAL, kapt. Kramers, van Banjoewangie naar Amsterdam, op de Steile Bank gestrand, zal vermoedelijk totaal weg zijn. Van de lading zal weinig en dan nog zwaar beschadigd geborgen kunnen worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 25 april. Het schip NEERLANDS VLAG, kapt. Meeter, van Nantes naar Zwolle, is op 23 dezer bij Wieringen gestrand en vol water gelopen. De lading wordt geborgen. Het volk is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Frederikshaven, 21 april. Het schip JANTINA, kapt. Tak, van Kennetpans naar Faro, hier lek binnengelopen, heeft de lading gelost.


28 april 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn te Dordrecht op zaterdag 27 april: het barkschip TAGAL, verkocht voor NLG 33.500. Koper: B. de Witt voor Noorse rekening.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 april. Het schip ANNA, kapt. Douwes, van Hamburg naar Schotland, is de 24e dezer met slagzijde op de Elve (opm: Elbe) teruggekomen en ter rede van Cuxhaven geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 april. Het schip ZEEHOND, kapt. Fenenga, van Amsterdam naar Pernau, is, volgens telegrafisch bericht, de 25e dezer wegens ijsgang te Bolderaa binnengelopen.


30 april 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op donderdag 9 mei 1867, des avonds ten 6 ure ,in hotel Wisseman te Winschoten in openlijke veiling te verkopen het in den jare 1858 nieuw gebouwde schoenergaljootschip VOORZORG, laatst bevaren door wijlen K.H. Huisman, groot 171 ton, in 1864 geheel nieuw bezinkt en thans liggend te Rotterdam en aldaar te bevragen bij de heren Kuiper, Van Dam & Smeer. De inventaris zal intijds ter lezing liggen ten verkoophuize, alsmede ten kantore van de notaris. B. Haitzema Viëtor.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 27 april. Aangaande het schip (opm: sch.brik) ARGUS, kapt. N. Tuk, 19 augustus l.l. (opm: 1866) van Helvoet naar West-Indië vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


01 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 april. Volgens particulier bericht is het Nederlandse barkschip OTTOLINA, kapt. List, van Batavia naar Rotterdam bestemd, de 25e maart na een reis van 90 dagen lek te Paramaribo binnengelopen. Het schip is even binnen de uiterton vastgeraakt. De stuurman is met een sloep opgevaren om hulp te verzoeken. De 27e, des morgens, is de koloniale steamer PARAMARIBO naar Braamspunt vertrokken ten einde aan het op de bank vastgeraakte schip OTTOLINA hulp te verlenen. Na herhaalde vergeefse pogingen heeft de stoomboot het schip niet vlot kunnen krijgen, doch heeft daarentegen twee zware ankers van het schip uitgebracht. De 28e des namiddags, is het Nederlandse schoenerschip LADY OF THE NIGHT, kapt. Dekker, hetwelk zeilklaar lag naar Demerary, na zijn lading weer gelost te hebben, als lichter vertrokken om de lading van de OTTOLINA, bestaande in suiker, koffij, thee, indigo en tin, allengs over te nemen en over te brengen aan boord van het Nederlandse schip MARNIX, kapt. Wassenaar, hetwelk in de avond van de 28e eveneens naar Braamspunt is afgedreven, om binnen de rivier Suriname te ankeren en aldaar de lading, voor zoveel nodig om de OTTOLINA te lichten en vlot te maken, te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 april. Volgens brief van kapt. Drijver, voerende het Nederlandse schip HENRIËTTE, was hij de 27e februari van Batavia te Sumanap gearriveerd en zou hij medio maart naar Tjilatjap vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 april. De lading van het Noorse brikschip dat op de Makkumer Waard zit, wordt hier met kleine lichters aangevoerd, overgeladen en dan naar Amsterdam gebracht, werwaarts het schip bestemd was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 april. Het brikschip JULIE, kapt. Van der Plassche, bij Rammekens gestrand - bevorens gemeld - zal hedenavond hoogstwaarschijnlijk vlot komen zonder dat het nodig is om het af te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 30 april. Het barkschip JULIE, kapt. Van der Plassche, hetwelk bij Rammekens is gestrand - bevorens vermeld - is hedenmorgen vroeg vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 4 april. Het schip JOSEPHINA BERNHARDINA, kapt. Willms, zal over acht dagen klaar zijn om te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 4 april. Volgens een particulier bericht, heeft de Franse mailboot GUYENNE, kapt. Vollet, die eergisteravond van Cayenne alhier is aangekomen en dezelfde nacht haar reis via Demerary heeft voortgezet, die dag vóór het binnen stomen in onze rivier hulp verleend aan de OTTOLINA, kapt. List, van Batavia naar Rotterdam bestemd, hetwelk de 25e maart even binnen de uiterton bij het binnenlopen is vast geraakt - zie ons nummer van gisteren - en wel zodanig dat het schip vlot is geraakt. Vervolgens heeft de Franse stoomboot het schip op sleeptouw genomen om het op de rede te brengen, doch de kabel brak en de GUYENNE kon zich niet langer ophouden, omdat de dag van zijn terugkomst voor de mailpakketten (de 2e), bijna verstreken was. De OTTOLINA is nog niet op de rede, waarschijnlijk zal dit toegeschreven moeten worden aan de lossing van de lading, waartoe de LADY OF THE NIGHT en de MARNIX zijn aangehuurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 maart. Een zeer klein gedeelte van de lading is gered van de EDENDALE, kapt. Ritchie, van Semarang naar Rotterdam bestemd, hetwelk lek gesprongen is op de zuidkust van Java en, toen het naar Soerabaija wilde terugkeren, nabij het eiland Madura de 25e februari aan de grond gevaren is. Het schip is totaal wrak; de equipage is te Soerabaija aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 29 april. De hier te huis behorende barkschepen TAGAL en EERSTELING zijn aan Noorse huizen verkocht.


  JB - Javabode

Advertentie. Met referte tot de advertentie van 9 februari jl., wordt bekend gemaakt dat op de 4e mei te Soerabaja ten behoeve van wie zulks zal blijken aan te gaan, publiek verkocht zal worden, het Bremer schip BETTY, groot circa 556 ton, in 1856 te Brake gebouwd en in juli jl. opnieuw gekoperd en nagezien, klasse 5/6 A.1.1. Veritas voor 3 jaar, thans liggende te Soerabaja. Nadere informaties te bekomen te Batavia bij Maclaine, Watson & Co., te Soerabaja bij Fraser, Eaton & Co.


  JB - Javabode

Advertentie. Vracht naar Soerabaja met de Nederlands-Indische driemast schoenerschip met stoomvermogen DE HOOP, kapt. G. Oversluisen, om in het begin van de volgende week te vertrekken en biedende een uitmuntende gelegenheid aan voor de overvoer van machinerieën. Informatiën bij de agenten Van Vleuten & Cox.


02 mei 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 mei. Heden arriveerde hier het nieuwgebouwde schoenerschip EBENHAEZER, kapt. J.S. van der Meer, groot 150 ton, gebouwd door (opm: thans) wijlen K. Bakker, beide van Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Skagen 23 april. Het kofschip FROUKINA HILLECHINA, kapt. Oosterhuis, van Malmö naar Schiedam, en alhier gestrand, zit in 4 voet water. Een gedeelte van de inventaris en de lading is gered. Men denkt ook het overige te kunnen bergen.


03 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 2 mei. Het schip ’s-GRAVENHAGE, kapt. Bok, is heden van hier naar Batavia vertrokken (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 1 mei. Het schoenerschip ITALIA vertrok gisteren in ballast uit het West-Indische dok, ging achter de HEIDEWIGA REGINA, bij Blackwall ten anker liggende, om en bracht grote schade aan het achterschip van het laatstgenoemde schip toe. (opm: kofschip HEIDEWIEKA REGINA, kapt. J.L. Pekelder)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder C.J. van der Meulen zal op dinsdag 7 mei aanstaande, ’s nademiddags 3 uur, bij de logementhouder W.S. Wagenaar te Sneek, in ééns finaal, publiek, á contant, verkopen een nog zeer hecht, overdekt kajuitscheepje, groot 23 ton, met daarbij behorende inventaris, liggende nabij de Oosterpoorstbrug te Sneek; ingericht voor potschip, doch geschikt tot vervoer van alle goederen.


04 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 mei. Volgens telegrafisch bericht was het clipperschip met hulpstoomvermogen 's-GRAVENHAGE, kapt. Bok, hedenmorgen om 8 uur stomende onder de Singels. Aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 mei. Volgens telegrafisch bericht is het schoenerschip COLIBRI, kapt. Riedijk, in vijftien dagen van Oporto te Bremerhaven aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 26 april. Het kofschip GEZINA, kapt. Henriks (opm: mogelijk buitenlander), van Leer naar Dantzig bestemd en geladen met ijzer, is gisterenmorgen niet ver van hier gestrand. De equipage is gered. Voor het bergen en redden van het schip, hetwelk op steenachtige grond zit, is een contract met de vissers gesloten.
VWB 040567
Kinderdijk, 1 mei. Heden is op de werf van de heren F. Kloos & Zonen, scheepsbouwmeesters alhier, de kiel gelegd van een nieuw houten raderstoomschip, genaamd STAD VLISSINGEN, bestemd voor de dienst op de Westerschelde tussen Breskens en Vlissingen. (opm.: later genaamd WESTER-SCHELDE)


05 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 maart. Hoewel weinig hierin omging, is opnieuw enige verbetering te vermelden en is het aantal onbevrachte schepen door de laatst bekende bevrachting van de Nederlandsche Handel-Maatschappij weder verminderd. Naar Amsterdam is te Soerabaja opgenomen Engels HERALD OF THE MORNING à NLG 45 voor suiker en NLG 35 voor tabak en werd later mede aldaar gecharterd Nederlands MARIA CATHARINA à NLG 55 en NLG 60 voor tabak en suiker. Nederlands ELISABETH JACOBA bedong NLG 60 voor suiker, op de kust te laden.
Onbevracht blijven alsnog Nederlands PHILIP VAN MARNIX, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, STAD LEIJDEN, SALATIGA, SOUBURG, HENDRIKA en KONINKLIJKE NEDERLANDSE YACHT CLUB.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz., B.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam Wz. en C.H. van Dam te Rotterdam, zullen, als last hebbende van hun meesters, op dinsdag de 21e mei 1867 des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepsmakershaven, wijk 1, no. 499, publiek verkopen:
-          het extra snelvarende ijzeren rader-stoomjacht genaamd ZAANSTROOM Nº 2, volgens meetbrief lang 22 ellen, wijd 3 el 16 duim, hol 1 el 62 duim, en alzo groot, na aftrek van de machinekamer, 70 tonnen, met deszelfs zeer complete en goed onderhouden machines van lage drukking en 45 paardenkracht, voorzien van koperen vlampijpen en plaatpijpen en verdere benodigdheden, benevens een volledig buffet.
-          het extra snelvarende ijzeren schroef stoomjacht genaamd DOLPHIJN, volgens meetbrief lang 22 el 58 duim, wijd 2 el 99 duim, hol 1 el 62 duim, en alzo groot, na aftrek van de machinekamer, 72 tonnen met deszelfs zeer complete en goed onderhouden machines van hoge drukking en 30 paardenkracht, voorzien van koperen vlampijpen en verdere benodigdheden, hebbende nog een ruimte tot het laden van koopmansgoederen.
Beide deze stoomjachten zijn bij uitnemendheid geschikt voor passagiersboten, waartoe die geheel zijn ingericht, hebbende ruime en zeer smaakvol ingerichte kajuiten, zodat dezelve dadelijk voor het vervoer van passagiers in dienst kunnen worden gesteld. Tot overtuiging van de gegadigden dat de machines in volmaakte orde zijn, zullen beide deze stoomjachten op maandag 20 mei eerstkomende een proefreis maken en wel de ZAANSTROOM Nº 2 des middags ten 12 ure en de DOLPHIJN des namiddags ten 3 ure. Nadere informatiën zijn te bekomen bij bovengemelde makelaars en de heren W.C. & K de Wit, civiel ingenieurs te Amsterdam. Beide stoomjachten zijn liggende in de Haringvliet, binnen de gemeente Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 mei. Het Nederlandse schip ANNA WILHELMINA, kapt. Zeven, van Newcastle naar Vardoe, is volgens bericht uit Bergen, op 60°45' NB totaal verongelukt. De equipage, met uitzondering van de kapitein, is gered. (opm: de schoenergaljoot ANNA WILHELMINA, werd gevoerd door kapt. Frans Herman Zeven, elders genaamd Frans Harm Zeeven)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 1 mei. Het Nederlandse schip METTINA JACOBINA, kapt. Dijken (opm: kof, kapt. Harmannus Wiardi Dijken, zie ook PGC 110567), van hier naar Noorwegen, is in de Noordzee overzeild en gezonken. De equipage is gered en te Gothenburg aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Madura, 25 februari. Heden is aan de westkant van het oostelijke rif, de Karang Tembaga, te Sumanap, gestrand het Engelse schip EDENDALE, kapt. Ritchie, komende van Samarang, bestemd naar Rotterdam en geladen voor zover bekend met suiker, tabak en rotting. De equipage, sterk 23 man, heeft zich in boten gered en is te Sumanap aan wal gekomen. Volgens bekomen informatiën moet het schip in liggende staat zijn, op 14 voet water vóór, 19½ achter en 4 el in het vaartuig. De nodige bevelen tot redding van de lading zijn gegeven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 8 maart. Wij vernemen dat het kopervaste Nederlandse schip ADMIRAAL PIET HEIN met zijn inventaris gisteren op publieke vendutie verkocht is voor de som van NLG 14.700.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 8 maart. Men deelt ons van een zeer goed ingelichte zijde mede, dat enige matrozen van het verongelukte Engelse schip ADDISON, vóór hun vertrek van Soerabaja, zouden geprotesteerd hebben tegen het doen van de reis met een dergelijke lading en in die toestand, waar in het schip verkeerde, zodat zij enige dagen verblijf in 's lands gevangenis zich hebben moeten laten welgevallen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 19 maart. De 24e februari jl. vertrok de Nederlands-Indische schoener MARIA, gezagvoerder Berest, van Pagattan naar Java en trachtte men te vergeefs op te werken met een zware dicht gereefde marszeilskoelte en in hevigheid toenemende storm uit het zuidwesten, zodat de gezagvoerder genoodzaakt was ten anker te gaan onder de wal, ter hoogte van Tandjoeng Assem, om op gunstiger wind te wachten. Twee dagen daarna, omstreeks 1 ure, kwam voor zee en wind zonder zeilen aangestormd de Nederlands-Indische bark TASLIM, gevoerd door H. Ehrencron. Dat schip scheen in zinkende toestand te verkeren, tenminste, er werd op de wal aangehouden met het doel om op strand te lopen ten einde zodoende het vege lijf te redden. Op dat gezicht lichtte de MARIA het anker om zoveel doenlijk hulp te verlenen. De wakkere gezagvoerder hield voor de wind mee en zodra hij het in nood verkerende schip kon naderen, nam hij een gedeelte van de opvarenden over en bleef in de onmiddellijke nabijheid van het schip, alle pogingen in het werk stellende om nog te redden wat er geborgen kon worden en zo mogelijk het ontredderde vaartuig nog behouden binnen Pagattan te brengen. In zo verre gelukte dat edel streven, dat 56 mensenlevens gered werden, men het schip in Straat Poeloe-Laut bracht en het daar onder Borneo's wal op strand liet lopen. De gezagvoerder Ehrencron verklaart benoorden het eiland Bawean door een zware storm uit het zuidwesten te zijn belopen, waarbij hij alle zeilen had verloren en het schip zwaar lek was gesprongen door het hevig beuken van de geweldige stortzeeën, zodat het plan toen reeds bij hem opkwam het geteisterde vaartuig op de wal te zetten nabij Tjandjong Selatan. De heer Berest toonde bij deze gelegenheid een kloek, manmoedig en beleidvol zeeman te wezen, waarop weleer het kleine Nederland terecht zo trots was, omdat mannen van die stempel niet overal worden aangetroffen.


06 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 26 maart. Het schip HELENA LOUISA, kapt. Thurnside, van Macassar naar Macao, is alhier de 18e dezer binnengelopen met verlies van boegspriet, fokkemast, de grote mast gesprongen en meer andere schade, zijnde op de hoogte van de Lema-passage in aanzeiling geweest met het Nederlandse schip PIETER, kapt. Hoogerwerff.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio-Janeiro, 8 april. Het schip MARIA CAROLINA, kapt. J. Beekman, van Antwerpen naar Buenos-Ayres, is de 3e dezer lek alhier binnengelopen.


07 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 mei. Omtrent het voor rekening van het Nederlandse gouvernement in Engeland gebouwd wordende ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, dat weldra voor de dienst gereed zal zijn en eerstdaags van daar naar het Nieuwediep zal vertrekken, wordt aan de Middelburgsche Courant het volgende meegedeeld:
De romp is van ijzer, lang 73 el, breed 13 el en de diepgang 6 el; de boorden zijn van waterdichte schotten voorzien en beschermd door pantserplaten van 0,113 el dikte, die geklonken zijn op een djatihouten voering van 0,254 el. Deze pantsering strekt zich langs het gehele schip uit en is tot de hoogte van het dek voortgezet. Middenscheeps is de pantsering tot een hoogte van 2,75 el opgetrokken en beveiligt tegelijkertijd de twee torens met geschut voorzien, alsmede stoomketels, werktuigen en de schoorsteen. Bedoelde inrichting geeft het voordeel een ruimer verblijf aan de bemanning te verschaffen en een betere luchtverversing door het schip te brengen. De beide torens zijn cylindervormig en gepantserd met platen van 0.14 el. Zij zijn ieder voorzien van twee kanonnen die elk 12.500 pond wegen en een kogel kunnen schieten van 136 pond. Twee stoomwerktuigen, elk van 200 paardekrachten, brengen twee voortstuwers in beweging, waarmee men zich vleit het schip een vaart van twaalf mijlen te kunnen geven. Het voorschip is voorzien van een uitspringende steven of ram, zo sterk samengesteld dat daarmee schepen kunnen worden in de grond geboord. De masten bestaan ieder uit drie benen, bij wijze van een bok, naar het systeem van Coles, en overigens zal het schip als een bark worden getuigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping. De notaris L.P. Rietstap, residerende te Rotterdam, als lasthebbende van zijn principaal, is voornemens op dinsdag de 21 mei 1867 des middags ten 12 ure in het lokaal van publieke verkopingen aan de Geldersche Kade te Rotterdam in het openbaar in één zitting te veilen en te verkopen het ijzeren raderstoomschip genaamd NIJMEGEN, gevaren hebbende in de dienst van Nijmegen op Rotterdam, liggende in de Scheepsmakershaven achter het Witte Hert te Rotterdam. Volgens Nederlandse meetbrief lang 27 el 50 duim, wijd 4 el 41 duim, hol 1 el 58 duim en alzo, na aftrek van de machinekamer, gemeten op 118 tonnen, met twee machines, tezamen voor 60 paardenkracht, met de daarbij zijnde inventaris, zoals die zich aan boord bevindt. Nadere inlichtingen te bekomen ten kantore van genoemde notaris en bij de heren Verweij & Co, Boompjes, terwijl het te veilene dagelijks is te bezichtigen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. C.W.K. van Strijen, makelaar te Helder, als gemachtigde van kapt. W.S. Kramers, gevoerd hebbende het op de oostkust van Texel gestrande Nederlands barkschip BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAEL, en van de heer J. Herm. Schröder, agent van Lloyds te Amsterdam, is van mening, na bekomen rechterlijke autorisatie, op donderdag de 9 mei e.k., des avonds ten half acht ure, in het lokaal Tivoli, ten overstaan van Mr. D.P.H. Aberson, griffier bij het kantongerecht te Helder, publiek te verkopen de geborgen inventaris van het voornoemde schip, liggende behoorlijk gekaveld in de pakhuizen aan en op de scheepstimmerwerf De Hoop, aan de Binnenhaven, alsmede aan het havenhoofd alhier, bestaande in ankers, kettingen, zeilen, rondhouten, masten stengen, ra’s, scheepsklok, vlaggen, chronometer, sextant, barometer, vleesstandaards, barkas, middelboot, gieksloep, lopend en staand touwwerk, blokken, kompassen, zeekaarten, seinlantaarns, roeper, koperen ketels, sabels, pistolen, geweren, tafelgoed, zeevaartkundige boeken, apothekers gereedschappen, kanonnen en verder wat van dezen belangrijke inventaris zal worden aangeboden, en waarschijnlijk het wrak van gemeld schip.
De goederen zijn daags voor en op de verkoopdag te bezichtigen van des morgens negen uur tot des namiddags zes uur. Informaties zijn te bekomen bij de heer P.A.C. Hugenholtz, correspondent van Lloyds te Helder en bij den makelaar C.W.K. van Strijen voornoemd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Evertsz zal op dinsdag 14 mei 1867, ’s morgens 11 uur, bij Kimstra te Oldeboorn, veilen een aldaar liggend, best onderhouden en in goede staat zijnd tjalkscheepje, de VROUW JANTJE genaamd, groot 15 ton, met zeil, 2 fokken, kleden en verder toe en aanbehoren, laatst bevaren door nu wijlen Hendrik F. Oosterwoud. Aanvaarding en betaling dadelijk. (opm. LC 170567 meldt dat is geboden NLG 606).


08 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d. IJssel (Stormpolder), 6 mei. Heden liep met goed gevolg te water het schroefstoomschip ANNA, gebouwd op de werf De Hoop bij de scheepsbouwmeester C. van der Giessen voor rekening van de heren Van der Loo & Berten c.s. en bestemd voor de vaart van Rotterdam op Gent. De machine is vervaardigd bij de heren D. Christie & Co. te Kralingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Glückstadt, 5 mei. Heden is alhier binnengelopen het kofschip HELENE DE VRIES, kapt. Kat, van Hamburg naar Gorkum bestemd. Het is door een stoomschip aangevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 4 mei. Het Nederlandse galjootschip TITIA MARGARETHA, kapt. Schaap, is heden van hier naar Holmstad vertrokken om aldaar haver voor Engeland te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 29 april. Het Nederlandse schip DE MAAS, kapt. P.H. Schabeling, van Galatz naar Vlissingen bestemd, hetwelk alhier de 26 dezer lek en met anderse schade is binnengelopen - vroeger vermeld - is nagezien en aanbevolen om een gedeelte van de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, op de 1e mei 1867 voor de te Amsterdam gevestigde notaris Jan Willem Reijne junior verleden, is tussen de ondergetekenden Egbert Jans Bok, scheepsbouwmeester, Jan Bok en Cornelis Bok, beiden zonder beroep, wonende allen te Amsterdam, aangegaan een vennootschap, om voor gezamenlijke rekening uit te oefenen het bouwen en herstellen van schepen, de smederij, mastenmakerij en hetgeen daartoe betrekking heeft, voor de tijd van één jaar en acht maanden, te rekenen vanaf 1 mei 1867, met dien verstande echter, dat dezelve van jaar tot jaar zal zijn gecontinueerd, wanneer geen schriftelijke opzegging vóór of 1 februari van ieder jaar door de een aan de andere is gedaan, onder de firma van E.J. Bok en zonen, waarvan ieder van de ondergetekenden de tekening zal hebben, doch alleen en uitsluitend voor zaken deze vennootschap betreffende. E.J.Bok. J. Bok. C. Bok.


  JB - Javabode

Batavia, 8 mei. Heden vertrok van hier naar Samarang het Nederlands-Indische barkschip PERSIAN PACKET, (ex-Nederlands-Indische bark GENERAAL MICHIELS), kapt. Lucas. (opm: het Nederlands-Indische barkschip GENERAAL MICHIELS, op 10 april 1867 openbaar geveild, was ook gevoerd door kapt. Lucas, zie JB 060367)


  JB - Javabode

Advertentie. Op de vendutie van vrijdag de 10e mei as. bij Van Vleuten & Cox, zullen nog worden verkocht: 3/60 aandelen in de Pruisische brik HELENA, kapt. J.A. Nohr, liggende ter rede alhier, groot 127½ gemeten last, gebouwd in 1862 te Ückermünde van eikenhout, gekoperd en kopervast.


09 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 7 mei. Voor rekening van de heren W. de Vlaming & Zn. alhier is heden van de werf van de scheepsbouwmeester D. de Zeeuw met goed gevolg van stapel gelopen het hoekerschip MARIE, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 mei. Het Nederlandse schip JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, is volgens telegram van Java op Edam-rif (rede van Batavia) totaal verongelukt. De inventaris is geborgen, de equipage gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 6 mei. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schoenerschip ANNA, kapt. Klein, van Triëst naar Groningen bestemd, heden alhier met schade en overgeslagen lading binnengelopen. De experts hebben bevolen om een gedeelte van de lading te lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 8 mei. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwde schoenerschip MARTHA, kapt. L.E. Biebericher, van Zuidbroek, groot 170 ton, gebouwd bij L. Wildervanck te Hoogezand.


10 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit West-Terschelling wordt aan het Handelsblad geschreven:
Uit zeer goede bronnen kan ik u mededelen dat de enige persoon welke van het schip JHR. MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK , kapt. Lammers, gered is, en die, naar men algemeen meende een Griek zou zijn, een oprechte Amelander matroos is geweest, die twee dagen buiten staat is geweest te spreken en thans nog niet weet hoe hij gered is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fredrikshavn, 8 mei. Volgens telegrafisch bericht is het kofschip CERISO, kapt. Faber, geladen met cichorij, op de Scaw (opm: Skagen) gestrand.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, op billijke voorwaarden een hektjalk met inventaris, groot 61 ton, bevaren geweest door J. Janzen, liggende in de Stadsgracht te Franeker. Te bevragen bij P.J. de Vries op het Vliet aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op dinsdag den 21 mei e.k., ’s nademiddags 3 uur, zal, ten huize van de logementhouder W.S. Wagenaar te Sneek, publiek worden verkocht een nog hecht potschip, met zeil en treil, groot 23 ton. Inmiddels uit de hand te koop. Te bevragen bij de deurwaarder Van der Meulen te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een flinke mooie zeilboot, zijnde voor enige weken nieuw gebouwd, puik best en vlug varend, lang 4 el 40 dm (15½ voet), wijd 1 el 82 dm. (6½ voet), hol 70 dm. (2½ voet), met ferm spriettuig, bij O.L. Lantinga, scheepstimmerbaas te IJlst.


11 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Het Nederlandse schip ORANJE NASSAU, hetwelk de 21e april des voorgaanden jaars te Stanley (Falkland eilanden) met verhitte lading en zwaar beschadigd is aangekomen en aldaar afgekeurd, is voor GBP 500 verkocht. Men heeft GBP 4000 voor bodemarij aan kooplieden te Rio gegeven. Het schip is nu ORISSA genaamd en is in maart l.l. naar Cork vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 8 mei. Het schoenerschip ANNA, kapt. Meijer (opm: mogelijk buitenlander), van Newcastle naar Gothenburg bestemd en geladen met steenkolen, is ten westen van de Scaw gestrand en totaal wrak geworden. Slechts één man is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Men schrijft ons uit Delfzijl: In de Groninger Courant van 5 dezer wordt gemeld dat volgens telegram van 3 mei het kofschip METTINA JACOBIENA, kapt. H.W. Dijken, in de Noordzee door een stoomboot zou zijn overzeild en gezonken, doch het volk door die stoomboot gered en te Gothenburg aangebracht. De gezagvoerder van voormeld schip, H.W. Dijken, thans met zijn manschappen te Farmsum aangekomen, acht zich verplicht bekend te maken, dat bovengenoemd bericht in zoverre onjuist is, n.l. dat zijn schip niet door een stoomboot is overzeild, dat de grote mast tengevolge van een zware rukwind overboord is geslagen en in zijn val de bezaansmast heeft medegenomen, niet alleen, maar ook de voorpompen onbruikbaar heeft gemaakt, dat het scheepshol ongeveer 5 uren zwaar op het overboord geslagen en door het touwwerk nog daaraan bevestigde tuig heeft gewerkt en gestampt, waardoor het zwaar lek werd en alleen met de achterpomp, waarmede ook reeds zand der ballast werd opgepompt, kon worden gewerkt. Dat in hunne nabijheid een stoom- en een zeilschip passeerden, zonder in deze benarde toestand notitie van hen te nemen. Dat daarna de van Havre naar Gothenburg bestemde Zweedse stoomboot GUSTAF VASA, gezagvoeder C.F. Stiehl, hen in het gezicht kreeg en op hen aanhield, zo mogelijk bij hen bleef en zijn sloep met de stuurman en 2 man afzond om hulp te verlenen. Na gezamenlijk nog alle middelen aangewend te hebben om het schip te bergen, dat echter door de hoge zee en toenemende wind onmogelijk was, werd er scheepsraad belegd en geoordeeld dat men thans slechts alleen aan levensbehoud te denken had, zodat men besloot, eerst 2 man met klederen en kleinigheden, die te bergen waren, naar de stoomboot over te brengen. Nauwelijks waren de manschappen en goederen in de sloep van de stoomboot, of een zee sloeg het tegen het wrak aan stukken en verdween in de golven, nadat zich de daarin bevindenden met moeite op het wrak hadden gered. Hun scheepsboot werd toen met behulp van de manschappen der stoomboot te water gebracht, waartoe de kapitein met zijne bezetting niet in staat was. Hiermede werden zij van alles ontbloot gered en door de stoomboot overgenomen, aldaar menslievend verpleegd, van het noodwendigste voorzien en na drie dagen reis behouden te Gotenburg aangebracht. “Ik kan”, zegt kapt. Dijken, “met mijne manschappen niet genoeg de edelmoedige handelwijze van genoemde kapt. C.F. Stiehl en de opoffering van zijn stuurman en manschappen roemen, waarvoor wij hun bij dezen openlijk lof en onze hartelijke dank toebrengen”.


12 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 10 mei. Als een bewijs hoe weinig lust er bestaat onder de matrozen van onze marine, wier diensttijd verstreken is, tot vernieuwing van hun verbintenissen, om verder door te dienen, wordt meegedeeld dat gisteren van Zr.Ms. stoomschip ZOUTMAN 85 man met paspoort gingen en dat van dezen niet meer dan 15 man verlangden te reëngageren. Bij het reeds lang bestaande grote gebrek aan matrozen vraagt men zich algemeen af: waar moet dat heen?


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 10 mei. Morgen de 11e vertrekt Zr.Ms. stoomschip DE VALK voor de tweede maal met manschap en provisiën naar het te Birkenhead onlangs in dienst gestelde ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN.


13 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Aan belanghebbenden bij de lading van het Nederlandse barkschip GERARD PIETER SERVATIUS, kapt. J. Beckering, de 27e oktober 1866 van Amsterdam te Batavia gearriveerd, na in Bahia een averij, door aanzeiling bekomen, te hebben hersteld, wordt hiermede bekend gemaakt, dat de rederij een reductie van de bodemarij-premie verkregen heeft, waardoor zij in staat is 0.38 % over de in de dispâche aangegeven Indische waarde van de lading uit te betalen, waartoe op kwitantie tegen overlegging van de originele dispâche-extracten, ten haren kantore, Leliegracht, RR 75, gevaceerd zal worden, dagelijks van 's morgens 10 tot 12 ure vanaf 15 mei tot 15 oktober a.s., zullende hetgeen na voornoemde termijn niet mocht zijn afgehaald, aan het college Zeemanshoop worden uitbetaald.
Amsterdam, de 11e mei 1867, F.U.H. Reiger & Co.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 11 mei. Het schip PRUDENCE, kapt. Bruining (opm: galjoot, kapt. B.B. Bruining), van Newcastle naar St. Petersburg bestemd en geladen met steenkolen, is niet ver van hier (opm: op het Rönstrand) gestrand en wrak geworden. De kapitein, benevens vrouw en twee kinderen, alsmede de equipage, zijn gered. (opm: zie NRC 160567)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Genua, 6 mei. Het schip FLORA, kapt. Piet (opm: ondanks de naam van de kapitein toch waarschijnlijk geen Nederlands schip), van Cette naar Brazilië, is de 29e april, na in aanvaring te zijn geweest, gezonken.


14 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 april. Volgens een correspondentie uit Soerabaja aan het N.B.H. (opm: mogelijk Nieuw Bataviasch Handelsblad) hebben de stoomboot-maatschappijen het oude tarief weer ingevoerd, daartoe gedwongen door de geringe dividenden, welke zij voor de aandeelhouders konden opvaren. Naar men mededeelt ging het met de oude maatschappij nog beter dan met de nieuwe, de Chinezen en Arabieren toch gaven de voorkeur aan de dienst van wijlen de heer Cores de Vries, terwijl veel passagiers ook niet bijzonder gesteld waren op het gelijktijdige transport met inlandse troepen en bannelingen. Men spreekt ervan dat de nieuwe maatschappij de schepen van haar oudere zuster zou hebben aangekocht, zodat binnenkort de mededinging in de stoombootdienst, zeker niet ten voordele van het publiek, zou ophouden te bestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 mei. Volgens particulier bericht is kapt. L.C. Grafthuis, voerende het schip BURGEMEESTER HOFFMAN, de 16e maart te Amoy gearriveerd en had hij op de reis een zware orkaan doorgestaan, waarin de naden buiten boord en aan dek sprongen en in weinige minuten elf zeilen uit de lijken sloegen. De schade wordt op ongeveer $ 1400 begroot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 14 maart. Heden is het gekoperde Nederlandse schip CERES, groot 190 lasten op openbare vendutie verkocht, zonder inventaris, voor de som van NLG 3.150.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 22 maart. Men deelt ons mede dat het wrak van het Engelse schip EDENDALE, met deszelfs veronderstelde lading, heden op vendutie heeft opgebracht de som van NLG 530.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 1 april. Het Engelse barkschip HELENA LOUISA, kapt. Turnside, de 7e februari uit Makassar vertrokken en bestemd naar Macao, rapporteert dat het op de 17e maart, peilende het eiland Lamma in het zuidoosten op een afstand van ongeveer 2 mijlen en sturende zuidzuidwest, in aanzeiling kwam met het Nederlandse schip PIETER, kapt. Hoogerwerff - zie ons nummer van de 6e dezer - van Saigon naar alhier bestemd, waarbij het eerstgenoemde schip veel schade bekwam. Het verloor daarbij boegspriet, het voortuig en de grote mast is gesprongen. De lucht was die dag betrokken en dicht bewolkt en het waaide een fikse bries. De HELENA LOUISA lag over stuurboord hals en de PIETER raakte het aan stuurboordsboeg. Het anker werd onmiddellijk uitgeworpen, de PIETER zwaaide dwars in de boeg van de HELENA LOUISA alles kompleet met zich slepende wat er voor lag. Daarna zwaaide het over bakboordsboeg en liet men de kabel vervolgens slippen. Zodra mogelijk dat de schepen met elkander klaar waren, zette de HELENA LOUISA koers naar alhier, alwaar het de 18e maart is aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 mei. Laatstleden zaterdag (opm: 11 mei) arriveerde alhier het nieuwgebouwde galjootschip ZWAANTINA, kapt. E.H. Nieboer, van Nieuwe Pekela, groot plm 80 ton, gebouwd bij Nijhuis te Sappemeer.


15 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 14 mei1867:
- 1/60e aandeel in het barkschip TOLLENS, groot 375 lasten of 711 tonnen, gevoerd door kapt. B. Verhagen, thans op de terugreis van Java, boekhouders de heren Pistorius & Bicker Caarten: om NLG 130 verkocht.
- 1/60e aandeel in het barkschip HENDRIK IDO AMBACHT, groot 399 lasten of 756 tonnen, gevoerd door kapt. L. Bijl, thans liggende te Rotterdam, boekhouders de heren Pistorius & Bicker Caarten: Om NLG 260 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Skagen, 8 mei. Het galjootschip FRISO, kapt. J.K. Faber, van Dokkum met cichorei-wortelen naar Randers bestemd, is op een rif gestrand - bevorens gemeld. Men hoopt indien het goed weder blijft, het schip te zullen afbrengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 11 mei. De schoener NIEUWENDAM, kapt. De Jonge van Rotterdam naar St. Petersburg, is ten noorden van hier geankerd. Het heeft anker en ketting verloren, doch is daarvan weder voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 6 maart. Het Nederlandse brikschip CORNELIA HENDRIKA, kapt. De Jong (opm: kapt. M.C. Bonger), is gedurende de laatste storm te Montevideo op het rif van San José gedreven. De equipage is alhier door een boot van de wal aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sydney (N.S.W.) 23 maart. Men vermeldt dat het brikschip VENUS (opm: mogelijk buitenlander), van China en Batavia naar Auckland (N.Z.) bestemd en geladen met Chinese goederen, nabij Madura totaal is verongelukt.


  JB - Javabode

Naar men ons mededeelt, is het Engelse schip HOTSPUR, onlangs op Brouwersrif of Brouwersdroogte gestrand en aldaar liggende of niet liggende, als wrak verkocht, thans met een gedeelte van de lading weergevonden op de kust van Sumatra, werwaarts door de stroom afgedreven is. Het schip is een paar malen van plaats verwisseld en is thans op zijde liggende op de oostkust van Sumatra, boven Ketimbang, onder bewaking van een kruisboot.


16 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping in een zitting, bij opbod op donderdag 23 mei 1867, des namiddags half twee uur, in het koffijhuis Bellevue aan de Zuidwal te Delft, ten overstaan van de te Delft residerende notaris A.M. Schagen van Leeuwen, van de ijzeren schroefstoomboot DELFT, varende tussen Delft en Rotterdam via Overschie, vice versa, in 1865 gebouwd, lang over steven 13,83 el, wijd 2,47 el, hol 1,31 el, alzo groot 29 tonnen, met stoomwerktuig van 6 paardenkracht en verdere daarbij behorende complete inventaris. Te bezichtigen dagelijks op de gewone ligplaatsen te Delft of te Rotterdam op vertoon van een toegangsbiljet, verkrijgbaar bij de notaris Schagen van Leeuwen. Te aanvaarden bij de betaling van de kooppenningen op 1 juni 1867, des morgens ten 9 uur. Verdere voorwaarden en inlichtingen zijn te bekomen ten kantore van de notarissen Schagen van Leeuwen en Mr. P. Postuiterweer te Delft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Volgens schrijven van kapt. de Voogd van Straaten, voerende het schip JOHANNES ANTHONIUS, dato 8 april, op 70°NB en 25°WL (opm: positie waarschijnlijk: 50°NB en 25°WL), had hij, buiten het Kanaal komende, een vliegende storm gehad waardoor het schip plat op zijde geworpen en veel water had gemaakt. Er was veel goed van het dek weggespoeld. Door aanhoudende tegenwind was hij eerst na 28 etmalen op de hoogte van de Kaap Verdische Eilanden gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 11 mei. De lading steenkolen van het op het Rönstrand verongelukte schip PRUDENCE, kapt. Buining (opm: kapt. B. Bruining, zie ook NRC 130567)), van Newcastle naar St. Petersburg bestemd, is verloren; de equipage is, zoals gemeld is, gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 11 mei. De lading steenkolen van het op het Rönstrand verongelukte schip PRUDENCE, kapt. Buining (opm: zie NRC 130567, schoener galjoot, bouwjaar 1853; kapt. Berend Buining), van Newcastle naar St. Petersburg bestemd, is verloren; de equipage is, zoals gemeld is, gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 mei. Eergisteren arriveerde hier het nieuw gebouwde schoenerschip JOHANNA, kapt. L.T. Wilmink, van Veendam, groot 170 ton, gebouwd bij J. Bodewes te Sappemeer, gisteren het galjootschip JACOBUS VERHOEF, kapt. H. Mezenbroek, van Groningen, groot 80 ton, gebouwd bij Bodewes te Martenshoek, en heden het koftjalkschip CHRISTIENA DE VRIES, kapt. B. van der Werp, van Groningen, groot 70 ton, gebouwd bij de Gebrs. Bodewes te Martenshoek.


17 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 15 mei. Heden is van de werf van de heren J.& K. Smit te water gelaten de schroefstoomboot NIJMEGEN I, gebouwd voor rekening van de directie van de stoomboten WILLEM I en KONINGIN DER NEDERLANDEN en de Geldersche Stoombootmaatschappij, zullende dienst doen tussen Nijmegen en Rotterdam. Genoemde boot heeft 2 machines met dubbele schroef, welke in de fabriek van de heren Diepeveen, Lels en Smit alhier vervaardigd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe baggermachines. De nieuwe ijzeren schroef-baggermachine GREENORE, die onlangs te Renfrew in Engeland is van stapel gelopen, stoomde op 20 april ll. van de rivier de Clyde naar Ierland en wel met een snelheid van zeven Engelse mijlen per uur stomens. Het stormde in het Engelse Kanaal en de zee stond zeer hol. Dit vaartuig verenigt alzo de eigenschappen van een goede schroefstoomboot met die van een krachtige baggermachine, die nog op 35 Engelse voet diepte met succes werken kan. De eigenaren verzekeren dat deze machine naar Indië of naar Amerika kan stomen, daar baggerwerken ten uitvoer brengen en naar Europa terugkeren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. Het schip ALBEA, kapt. Weers (opm: mogelijk buitenlander), van Makkum naar Hamburg, is tussen Wangerooge en Helgoland in zinkende staat verlaten, doch het volk gered en te Bremerhaven aangebracht. (opm: zie NRC 180567)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. Het schip MARIA CATHARINA, kapt. De Roth, van Kiel naar Amsterdam, te Bremerhaven binnen, heeft de 14e mei de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. Het schip ATTIENA HENDRIKA, kapt. Meyer (opm: kof ATTINA HENDRIKA, kapt. H.H. Meyer), van Travemünde naar de Oostzee, is de 12e mei te Travemünde uit zee teruggekeerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Boekbespreking. Nationale Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen. Een proeve tot verbetering van het reddingswezen in Nederland, door J.H. Haakman, luitenant ter zee 2de klasse. Te ’s Gravenhage bij de gebroeders van Cleef.
De strandingen van het Zweedse scheepje de SOLID en het Engelse THE MARY OGLE, op den 7 en 19 november ll. te Scheveningen, hebben aanleiding gegeven tot veel besprekens en schrijvens of voor die mannen geen redding mogelijk was. De schrijver van dit werkje, waarvan wij alleszins de lezing aanbevelen, deelt in de eerste plaats het verhaal mede van een ooggetuige, zoals dit voorkomt in het Dagblad van Zuid Holland en ’s Gravenhage van de 27 november ll. Daarna haalt hij de wederlegging aan der commissie van de Noord- en Zuid-Hollandsche Reddingmaatschappij, station Scheveningen. Vervolgens behandelt hij het reddingwezen in het buitenland en bij ons bestaande, en komt eindelijk, na opgedane kennis, tot de conclusie, dat het beste middel tot verlevendiging en bestendiging van het reddingwezen moet worden gezocht in de vereniging der daartoe bestaande maatschappijen, onder de naam, die hij tot titel van zijn geschrift heeft gekozen. Hij acht dit niet alleen wenselijk, maar ook bereikbaar en geeft tot zijn doel verschillende aanwijzingen, die hij aan het oordeel van deskundigen onderwerpt. Ter bevordering van dit laatste voldoen wij gaarne aan een tot ons gericht verzoek, met daarop de aandacht te vestigen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een nieuwe boerenpraam, groot 5 à 6 ton, en een nieuwe boot. Te bevragen bij Gebr. Drijver, op Schilkampen onder Leeuwarden.


18 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Het schip ALBEA, gevoerd geweest door kapt. Weers, van Makkum naar Hamburg, bij Helgoland verlaten – zie ons vorige nommer – is de 16e dezer door de loodsschoener ELBE lek en met verlies van de boegspriet te Cuxhaven binnengebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, ... mei. De schoener NIEUWENDAM, kapt. De Jonge, van Rotterdam naar Petersburg, is ten noorden van hier geankerd. Het heeft anker en ketting verloren, doch is daarvan weder voorzien.


19 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Volgens bericht uit Paramaribo van 8 april, is het barkschip OTTOLINA, kapt. List, van Batavia naar Rotterdam – waaromtrent in ons nummer van 30 april en 1 mei uitvoerig bericht werd gegeven – door assistentie van de koloniale stoomboot PARAMARIBO daar ter rede gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 mei. Volgens brief van kapt. Van Wijk, voerende het Nederlandse schip DIDO, van Rotterdam naar Port Kunda, dd. Baltishport 9 dezer, was hij aldaar na een lange en gevaarvolle reis binnengelopen. Hij zou binnen enige dagen de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance (Mullion), 15 mei. Heden is door de heren Jones, Jackson & Co uit het wrak van het Nederlandse schip JHR. MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK opgevist een tinnen doos, bevattende 199 rijksdaalders, 86 gulden, 3 sovereigns, 5 kleine zilveren munten, 27 muntbiljetten à NLG 10, 4 bankbiljetten à NLG 25, 1 dito à NLG 200, 1 dito à NLG 40; 1 wissel à NLG 7000, afgegeven door Dizzlin; 1 dito afgegeven door Woollet; 2 gouden braceletten, 3 paar gouden en geëmailleerde oorringen, 1 zilveren doos, een rozenkrans, haarlokken, een testament, een Engelse bijbel, een zakboekje en een fotografie van Sophia Woollet. De bovengenoemde artikelen zijn in het bezit van de Nederlandse consul gesteld.


20 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 mei. Ten einde eenheid te brengen in de verschillende seinstelsels die tot hiertoe bij de onderscheidene zeevarende naties in gebruik waren, hebben de Engelse en Franse regeringen in overeenstemming met elkander, een Internationaal Seinboek doen ontwerpen, dat weldra alleen met uitsluiting van alle andere stelsels voor het doen van seinen op zee zal worden gevolgd. Die regeringen hebben de nodige stappen gedaan, om het seinboek door alle zeevarende naties bij hun oorlogsschepen te doen invoeren en, zover zulks mogelijk is, de aanneming daarvan bij de koopvaardijvloot te bevorderen. De Nederlandse regering is tot die maatregel toegetreden en heeft de heer H. Nijgh alhier, de uitgave van het Seinboek in onze taal opgedragen onder toezicht van een daartoe benoemde commissie, zodat daardoor ook de Nederlandse rederij de voordelen kan genieten die onmiskenbaar aan een éénig seinstelsel verbonden zijn. De Amerikaanse, Russische en Italiaanse regeringen zijn ook reeds tot dit seinstelsel toegetreden. Het Seinboek voor alle naties vormt een algemene taal, die verstaanbaar is voor iedereen die zich het bezit van hetzelve gesteld heeft. Die taal kan niet alleen door seinen worden geuit, maar zij laat zich ook door schriftelijke tekenen kenbaar maken, waardoor het voor de meest verschillende volken mogelijk geworden is hun gedachten in verstaanbare tekenen aan elkander kenbaar te maken; een voordeel dat bij het zich uitbreidende telegraafnet over alle landen van de aarde van onberekenbaar nut worden kan. Het stelsel van seinen is zeer eenvoudig. Door middel van 19 vlaggen of wimpels kunnen 78000 verschillende seinen worden gedaan; een getal dat voldoende is om alle mededelingen te kunnen doen. Voor seinen op grote afstand wordt door het gebruik van drie ballen en twee vlaggen of wimpels hetzelfde aantal seinen verkregen. Om het materieel zo weinig mogelijk kostbaar te maken, zijn onder de 19 vlaggen van het Seinboek de vroegere Poolmann's of Marryatt's seinvlaggen grotendeels opgenomen, zodat voor degene die deze reeds bezit, bij de aanneming van het nieuwe Seinboek slechts de aanschaffing van een zevental vlaggen nodig is. De heer W. van der Hoeven, oud-koopvaardij-kapitein, thans expert van Veritas alhier, heeft de bewerking van het seinboek op zich genomen. De commissie van controle van regeringswege benoemd, bestaat uit de heren J.W. Binkes, luitenant ter zee 1e klasse; D.C. Rietbergen, directeur van het Zeemanshuis alhier en F.P. Jaski, oud-koopvaardij-kapitein te Amsterdam. Wij twijfelen niet of de rederij zal krachtig medewerken tot de algemene invoering van dit seinstelsel bij onze koopvaardijvloot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 16 mei. Het schip ZWEI GEBRÜDER, kapt. Hicken, van Makkum naar Hamburg, is alhier op de witte ton gestrand en vermoedelijk weg. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 19 mei. Op de Eijerlandse gronden is een zwaar beladen schoenerschip gestrand, waarvan de naam nog onbekend is. Er zijn schuiten tot assistentie gezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 13 mei. Het kofschip FRISO, kapt. Faber, van Dokkum naar de Oostzee bestemd, hetwelk de 8e dezer bij Scaw is gestrand - bevorens gemeld - is hedenmorgen vlot geraakt en alhier binnengebracht. De lading is droog aan de wal gekomen.


21 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 20 mei. Van de werf van de heer J.J. Roelants is heden met goed gevolg van stapel gelopen het bunhoekerschip ADRIAAN, voor rekening van de heren W. van Rossen & Zonen alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 18 mei. De 14e dezer is in de buitengronden van het eiland Ameland vervallen het te Reypy te huis behorende tjalkschip ZWEI GEBRÜDER, schipper Hicken, met een lading dakpannen van Makkum naar Hamburg bestemd. De twee opvarenden zijn door een vaartuig van Urk gered. Het schip is in de grond gestoten en met de lading verloren gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 18 mei. De schepen MORGENSTER, kapt. Van Dijk, van Lissabon; MAARHUIZEN, kapt. Kladder en KARSINA HARMINA, kapt. Waterborg, beide van Newcastle, alle drie naar St. Petersburg, zijn de 10e dezer te Baltishport binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 19 mei. Kapt. M.F. Munning, voerende de Nederlandse kof ANJE, van Lemmer gisteren te Vlierede komende, rapporteert bij de ton van de Hofstede, in 15 voet water, een anker te hebben verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meesters op dinsdag de 4e juni, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, nummer 499, publiek verkopen het extra snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands fregatschip HOLLANDIA, laatst gevoerd door kapt. E. de Jong; lang 38 el 60 duim, wijd 7 el 50 duim, hol 5 el 48 duim, en alzo groot 705 tonnen met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in het Oosterdok te Amsterdam. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars en de heren De Coningh & Co te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op vrijdag 32 mei 1867, des avonds te 7 uur, ten huize van de logementhouder J. Doewes in hotel Everts te Veendam tegen contante betaling publiek verkopen het Nederlands schoenerschip genaamd ORION, groot 112 tonnen, met al zijn opgoederen en toebehoren, zoals het thans is liggende te Rotterdam en door de scheepskapitein B.J. Boiten het laatst bevaren is geweest.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 mei. Naar men bericht is deze dagen door des Konings Commisaris via het bestuur der Gemeente Veendam toegezonden aan de heer K.J. Wijtsma van het Nederlands galjootschip CORNELIA SUZANNA, waarvan de rederij hier is gevestigd, een gouden horologie (opm: horloge) met toepasselijke inscriptie, aan gemelde Wijtsma toegekend door de regering van de Verenigde Staten van Amerika wegens het redden van de bemanning van het in november 1865 verongelukte Amerikaanse schip HATTIE MORRISON.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 22 mei. De 14e dezer is in de buitengronden van het eiland Schiermonnikoog vervallen het te Reypy te huis behorende tjalkscheepje ZWEI GEBRÜDER, schipper T.L. Hicken, met een lading dakpannen van Makkum naar Hamburg bestemd. De twee opvarenden zijn door een vaartuig van Urk gered. Het schip is in de grond gestoten en met de lading verloren gegaan.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 22 mei. De minister der marine heeft bekend gemaakt, dat tussen Zoutkamp en Oostmahorn is gestrand een tjalkschip, waarvan het wrak, waarin de mast nog aanwezig is, even buiten het vaarwater zit, dicht bij de ton van de Babbelaar, op de noordwal, in peiling: de zuidelijke lichttoren op Schiermonnikoog noord; de toren van Kollum Z-W ten W., en de toren van Ulrum Oost ten Zuid, het merk: de toren van Leens een handspaakslengte bezuiden den toren van Ulrum.


22 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen:
-          in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 21 mei 1867: een stoomboot, genaamd NIJMEGEN, verkocht voor NLG 1870.
-          In de zaal hoek Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam: het rader-stoomjacht ZAANSTROOM No. 2, groot 70 tonnen, NLG 16.000: opgehouden; het schroef-stoomjacht DOLPHIJN, groot 72 tonnen, NLG 15.850: opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 mei. Het Nederlandse schip NEÊRLANDS VLAG, kapt. Meeter, van Nantes naar Zwolle, bij Wieringen gestrand, is weder af- en in het Nieuwediep binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mawes, 18 mei. Heden is alhier binnengelopen het Nederlandse brigantijnschip JANTINA, kapt. De Jonge, van Triëst naar St. Petersburg bestemd. Het is op het droge gehaald om de bodem schoon te maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 18 mei. Heden strandde op het eiland Langeoog het kofschip ZWAANTJE, kapt. Carstens (opm: mogelijk buitenlander), geladen met hout en van Krageroe naar Bensersiel bestemd; de equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wolgast, 17 mei. Het schoenerschip ROBERT, kapt. Bartels (opm: mogelijk buitenlander), is op de reis van Rostock naar Dantzig, met ballast geladen bij Hiddensee gestrand. De equipage is gered. Het schip zal weg zijn.


23 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 mei. De 21e dezer is van de werf van de scheepsbouwmeesters W. & A.H. Meursing te Nieuwendam te water gelaten het schoenerschip CORNELIA ABRAMINA, groot 220 ton en gevoerd zullende worden door kapt. L. Bron.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 20 mei. Heden is aan 's rijks werf alhier een aanvang gemaakt met het uit elkander nemen van de machines, gebezigd tot pantsering van schepen; deze machineriën worden aan boord gebracht van Zr.Ms. stoomschip VICE-ADMIRAAL KOOPMAN, welke bodem bestemd is om te Amsterdam verder afgetimmerd te worden, zullende met die bodem tegelijkertijd overgebracht worden een 20-tal werklieden welke zijn overgeplaatst bij de marinewerf in laatstgenoemde stad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 mei. Volgens brief van kapt. Veldhuis, voerende het Nederlandse schip PHENIX, van Newcastle naar St. Petersburg, was hij de 8e dezer wegens menigvuldig drijfijs te Baltishport binnengelopen, na in de Oostzee veel ruw weer, mist en oostelijke winden gehad te hebben. Er lagen te Baltishport 40 schepen en 2 stoomboten; het weer bleef nog vriezende, zodat het ijs weinig afnam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Auckland, 12 maart. Het navolgende extract uit de Canterbury Press:
Onlangs is een fles op de hoogte van de Governorsbaai opgevist, welke het volgende papiertje bevatte: “29 november 1866. Het barkschip SYLPH, komende van Amsterdam, is zinkende, 6 voet water in het ruim, niemand kan het lek vinden. Verscheidene mannen liggen dood bij de pompen. God redde onze zielen, Hans Tromp, kapitein. Degene die dit document vindt, gelieve het op te zenden naar mijn familie.” Het papier scheen niet veel geleden te hebben van het zoute water, het was dichtgevouwen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 18 april. De GALILEÏ, kapt. Van der Mey, is op 3 dezer op de scheepshelling alhier gekomen om te repareren. Op de 9e werd een partij beschadigde suiker verkocht, welke van 27sh. tot 30 sh.6d. per 100 pond opbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 18 april De bark FREDERIK HENDRIK is op 3 april jl. van de scheepshelling in Simonsbaai gekomen, thans gereed met repareren en zal eerstdaags vertrekken. Op de 12e werd van dit schip verkocht een partij koffij, suiker en rotting. De koffij ging van 56sh. tot 58sh.6d., suiker van 25sh.9d. tot 28sh.6d. per pond en de rotting voor 1¾ d. per pond.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 18 april. De CONCORDIA, kapt. Van Zanten, is nog steeds in Tafelbaai. Door de lage vracht alhier is de bestemming onzeker.


24 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 22 mei. Hedenavond keerde alhier Zr.Ms. stoomschip VALK terug van zijn tweede tocht naar Birkenhead, waarheen het behoeften en bemanning overbracht voor het ijzeren ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN. De VALK, gewoon deze reis - een afstand van ongeveer 200 mijlen - in drie en een halve dag af te leggen, bleef op deze terugreis een dag langer onderweg ten gevolge van dikke mist in Het Kanaal en later opkomende hevige noordenwinden, waardoor het schip nog een vrij belangrijke averij bekwam aan zijn kombuizen, die, ook vreemd genoeg, in de raderkasten geplaatst, door de zware zeeën zeker geheel zouden zijn weggeslagen, met de vloerplanken van die raderkasten, zo men ze niet bijtijds nog in kettingen gesjord, had verzekerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Duinkerken, 22 mei. Het schoenerschip CATHARINA, komende van Koningsbergen en geladen met haver, is gisterenavond alhier gestrand. Het schip en lading zullen weg zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris H. Douma te Gorredijk zal op woensdag den 29 mei 1867, ’s nademiddags 6 uur, ten huize van de kastelein H.A. van der Werf, finaal verkopen een overdekt gewegerd hektjalkschip, genaamd de VROUW JOUKJE, met 1 zeil, 4 fokken, 3 ankers met 60 vademen ketting en verdere complete inventaris, groot 62 ton of 22 last, in 1864 nieuw uitgehaald van de werf van Van der Sluis & Posthuma te Gorredijk, door Albert Jans Mulder, thans eigen aan T. van Berkum Vegter; waarop slechts geboden is NLG 2.753. Inmiddels uit de hand te koop bij den heer E.S. Posthuma te Gorredijk.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Attema zal verkopen een overdekt gewegerd vaartuig met volledige inventaris, in 1857 te Drachten gebouwd, lang 13,200 el (50 voet), wijd 3,266 el (11½ voet) en hol 1,065 el (3¾ voet), door de eigenaar Heinze B. Heinstra bevaren, liggende in de vaart te Drachten. De veiling is donderdag 6 juni, ’s avonds 8 uur, in het logement bij Durksz te Drachten.


25 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Omtrent het op de werf van de heer Laird te Birkenhead (Liverpool) voor Nederlandse rekening aangebouwde en de 1e mei jl. in dienst gestelde ijzeren ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN kan nader gemeld worden, dat dit schip met alle mogelijke spoed verder wordt gereed gemaakt, hoezeer des zelfs geschut, te Newcastle in aanmaak, nog niet gereed is. De prachtige inrichting van dit eerste noemenswaardige pantserschip onzer vloot wordt door iedereen om het zeerste geroemd.
Men verneemt bij gerucht, dat de heer Laird door ons gouvernement de aanbouw is gegund van nog een ramtorenschip en een monitor, welke binnen 9 maanden moeten worden afgeleverd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 21 mei. Naar men verneemt, zal Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ADOLF HERTOG VAN NASSAU nog een jaar in dienst blijven, na vooraf enige herstellingen te hebben ondergaan. Verder zou men een eskader formeren, bestaande, behalve uit genoemde bodem, uit de stoomschepen CURAÇAO, METALEN KRUIS en ZOUTMAN, benevens uit de op de rede liggende flotille-vaartuigen SCHOUWEN en KIJKDUIN en het uit Engeland verwacht wordende ramtorenschip. Het is echter nog onzeker, of men een reis zal doen naar de Middellandse Zee, dan wel naar de Oostzee. Na afloop van de voorgenomen kruistocht zullen de genoemde flotille-vaartuigen naar hunne oorspronkelijke bestemming, West-Indië, stevenen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Het schip JOHANNA MARIA, kapt. Kolder, van Amsterdam naar Christiansand, is de 22e dezer met verlies van ankers en kettingen te Harlingen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 24 mei. Heden is alhier van Libau aangekomen het schip VERWISSELING, kapt. Munnix, hebbende de equipage aan boord van de Engelse visserssloep SECRET OF YARMOUTH, waarmede het in aanzeiling is geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 21 mei. Het Nederlandse galjootschip ALIDA DIJK, kapt. De Haas, is heden van hier naar Engelholm vertrokken om haver voor Engeland te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 mei. Volgens particulier bericht is het Nederlandse kofschip ELIZA, kapt. De Boer, de 16e dezer behouden te St. Ubes aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 mei. Uit een brief van kapt. Rijken, in dato Cananora (kust van Malabar), 21 april l.l., vernemen wij, dat hij met het schip ABEL TASMAN de 6e van die maand vertrokken was van Bombay naar Liverpool, doch de 9e, des nachts ten 2 ure, strandde op het Byramgore-rif, een van de Laccadiven eilanden. Na alles aangewend te hebben wat in zijn vermogen was om het schip weer af te brengen, zag hij zich genoodzaakt de 12e april het met de overige opvarenden in de boten te verlaten. Na 4 dagen en 3 nachten op zee te hebben doorgebracht, bereikte hij Cananora, waar allen werden verpleegd en naar omstandigheden welvarende waren. Alleen de hofmeester A. van den Berg, van Leeuwarden was overleden. De kapitein had aan de consul te Bombay om assistentie gevraagd, daar men weinig of niets in de boten had kunnen bergen en dus van alles beroofd was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 mei. Volgens brief uit de Kaap de Goede Hoop, dd. 18 april, waren het Nederlandse schip FREDERIK HENDRIK, kapt. Van Ameijden van Duim, van Batavia naar Rotterdam, lek in de Simonsbaai binnengelopen - bevorens gemeld - nog 275 balen koffij, 189 kranjangs suiker en 1150 bossen bindrotting beschadigd verkocht. De geleden schade was hersteld en het schip zou zo spoedig mogelijk de reis vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 mei. Volgens brief van kapt. Van der Mey, voerende het Nederlandse schip GALILEÏ, de 14e februari met schade te Kaapstad binnengelopen, had hij het grootste gedeelte van de lading gelost en was het schip de 3e april op de sleephelling gekomen. Bij de expertise werd bevonden dat de loze kiel was weggeslagen en een groot aantal bladen koper aan stuurboordszijde waren losgewerkt. Bij nader onderzoek bleek, dat er vijf inhouten en zetters waren gebroken, verschillende houten nagels en koperen bouten waren uitgedreven en een ruimbalk gesprongen was. Men was bezig een en ander te herstellen en zou het schip binnen en buiten gebreeuwd en opnieuw gekoperd worden; ook waren 153 kranjangs suiker in beschadigde staat verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 mei. Het schip GEBROEDERS VAN DER BEEK, kapt. Walig, van Banjoewangie naar Rotterdam bestemd, te St. Helena binnen, werd wegens ziekte van de kapitein verhinderd de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 22 mei. Het op de Eijerlandse gronden gestrande schip - bevorens gemeld - is gebleken te zijn geweest het schip CORDELIA, kapt. Jickel (opm: schoener CORNELIA, kapt. W. Jichel) van Liverpool naar Harlingen. Het is later weder af- en alhier binnengebracht.


26 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 mei. Heden morgen ten ongeveer 10 ure is onder Slikkerveer van de scheepstimmerwerf van de heer Jan Smit Fz., met het beste gevolg te water gelaten het klipper-fregatschip NOACH II, groot circa 550 gemeten lasten. Deze bodem, voornamelijk op zeilage en passagiersvervoer berekend, even als de NOACH II, welke door een serie van vlugge reizen zich een der snelste zeilers heeft betoond, waarop de Nederlandse koopvaardijvloot zich mag beroemen, is gebouwd voor rekening van onze stadgenoot, de heer Fop Smit Jr. en zal reeds medio augustus tot vertrek gereed zijn.
Na het aflopen van de NOACH II werd op dezelfde werf de kiel gelegd voor een schip, groot ongeveer 1200 gemeten lasten, hetwelk de naam zal voeren van VOORLICHTER en gebouwd zal worden voor rekening van bovengenoemde heer Jan Smit Fz. te Slikkerveer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 mei. Zr.Ms. stoomschepen SCHOUWEN en KIJKDUIN zullen de 1e juni van hier naar West-Indië vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 20 mei. Het schip GOEDE BEDOELING, kapt. Brummer, hetwelk de 13e mei van Amsterdam te Ancona is aangekomen, heeft schade bekomen aan schip en lading.


27 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 april. Vrachten, Nederlandse vlag. MARIA CATHARINA sloot af tot NLG 55 voor suiker NLG 60 voor tabak; ELISABETH JACOBA tot NLG 60 suiker; STAD LEIJDEN tot NLG 75 voor tabak; HENRIETTE tot NLG 80 voor tabak en NLG 70 voor suiker; allen naar Amsterdam. De MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE accepteerde NLG 50 voor suiker en NLG 70 voor tabak naar Rotterdam, en de JUPITER NLG 80 en NLG 85 voor tabak naar Amsterdam. De HENDRIKA bekomt te Indramaijoe rijst à NLG 75 en hier arak tot NLG 120 naar Rotterdam.
Ter bevrachting blijven de Nederlandse schepen PHILIPS VAN MARNIX, ELISABETH, NEDERLAND EN ORANJE, JOKOHAMA, MAARTEN VAN ROSSEM, SOUBURG, KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB en CAROLINE.


28 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 april. Het Nederlandse schip JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, naar Soerabaija bestemd, is eergisteren door een zware bui op het rif van Edam gedreven en zwaar lek geworden. De equipage is op het eiland Edam aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. J. Piccardt, notaris te Hoogezand, zal in de maand juni a.s, ten gemeentehuize te Sappemeer, op nader te bepalen tijd, publiek veilen en verkopen het snelzeilend, welonderhouden, kopervast en gekoperd schoenerschip PROFFESSOR KAISER, groot 160 tonnen, met deszelfs complete inventaris, liggende te Amsterdam. De inventaris der scheepsgoederen ligt ter inzage ten kantore van de notaris voornoemd en ten gemeentehuize te Sappemeer, alwaar nadere informatiën zijn te verkrijgen bij de scheepsbouwer J. Berg. Jz.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een deugdzaam tjalkschip, groot 30 ton, en een hecht kofscheepje, groot 14 ton, met tuig, bij S.C. Nijdam, scheepstimmerbaas te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een tjalkschip, groot 34 ton, met toebehoren. Te bevragen bij de scheepstimmerman Jacob Boorsma te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop twee overdekte pramen, met zeil en treil, één groot 9 ton en één groot 8 ton; alsmede ene zeilboot, lang 5.112 el (18 voet), wijd 1.988 el (7 voet) en hol 0.852 el (3 voet). Te bevragen bij A.S. de Jong, scheepstimmerman te IJlst.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een scheepstimmerknecht, zijn werk verstaande, kan dadelijk werk bekomen bij Johs. van der Schaaf te Grouw.


29 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 mei. Volgens kortelijk schrijven uit Batavia dd. 15 april, heeft het verongelukken van het Nederlandse barkschip JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, van daar naar Soerabaija bestemd, zich bevestigd. De inventaris en een klein gedeelte bindrotting was geborgen. De volgende dag zou de verklaring worden afgelegd. Wegens de vele bemoeiingen bij de redding en het spoedige vertrek der mail, heeft de kapitein niet kunnen schrijven, waardoor bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 25 mei. Het Nederlandse tjalkschip HARMONIE, schipper Thode, van Rendsburg naar Neufeld bestemd, werd gisteren, niet ver van het tweede vuurschip af, door een uitgaand brikschip aangezeild, verloor het roer en kwam door assistentie van de sloep van het vuurschip hier in de haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

La Guayra, 9 mei. Het schip MEEDEN, kapt. Mantjes, hetwelk alhier de 15e april, en de THEMIS, kapt. Buiten, hetwelk alhier de 30e april, beiden van Liverpool zijn aangekomen, hebben beiden de ladingen gedeeltelijk in een beschadigde staat gelost.


30 mei 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 29 mei. Heden is alhier van de scheepstimmerwerf van de heren Gebr. B. Pot met het best gevolg te water gelaten het clipper-brikschip RIO DE LA PLATA, groot plm. 260 tonnen, voor een rederij onder directie van de heren P. Rademakers & Co. te Delfshaven, en zullende gevoerd worden door kapt. A.F.A. Hörner.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 mei. Volgens brief van kapt. Berkelbach van den Sprenkel, voerende het schip DYONISIA CATHARINA, d.d. Bushire 20 april, was de lading van Java reeds gelost en een aanvang gemaakt met het innemen van lading voor Java, via Bombay, vermenende hij 30 april tot vertrek gereed te zijn. Schip en equipage waren in de beste staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 mei. Volgens brief van kapt. Ruardi Beq (opm: mogelijk: P. Ruardi Bek) q.q., voerende het Nederlandse schip CLIO, de 15e april van hier te Singapore gearriveerd, had hij op 40º ZB des nachts met slecht weder door aanvaring van een wrak of wegens ijs schade aan de voorsteven bekomen, waardoor ook koper verloren ging. Het schip was dicht gebleven. De schade zou na het lossen onderzocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wolgast, 26 mei. Het op Hiddensee gestrande schoenerschip ROBERT, kapt. Bartels, is gisteren door de sleepboot vlot gesleept en wegens reparatie naart Stralsund gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Thomas, 11 mei. Het schip HARRIET, kapt. Jansen, van Trinidad de Cuba naar Londen, geladen met mahonyhout, is de 4e dezer in averij hier binnengelopen, doch bezig met repareren en zal spoedig de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Thomas, 11 mei. Het schip MARGARETHA, kapt. Thesing, van Newcastle naar Philadelphia, is de 4e mei in averij hier binnengelopen. Het heeft een gedeelte der lading gelost om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op dinsdag 4 juni 1867 en niet op vrijdag 31 mei 1867, zoals eerder vermeld, des avonds te 7 uur, ten huize van de logementhouder J. Doewes in het hotel Everts te Veendam tegen contante betaling publiek verkopen het Nederlandse schoenerschip ORION, groot 112 tonnen, met al diens opgoederen en toebehoren, zoals het thans is liggende te Rotterdam en door de scheepskapitein B.J. Boiten is bevaren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 mei. Volgens brief van kapt. Crap Hellingmans, voerende het schip JAVA PACKET, op 23 maart vanuit Texel naar Batavia vertrokken, was hij op de volgende dag met een Noordelijke wind zeilende op de hoogte van Dungeness. Passagiers en militairen waren allen in goede welstand.


01 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31mei. Volgens brief van kapt. G. Brummer, voerende het Nederlandse schip GOEDE BEDOELING dd. Ancona 24 dezer, had hij de lading aldaar in goede staat gelost. Het schip had veel slecht weer ondervonden, doch de schade was van weinig betekenis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 mei. Het schip ALBATROS, kapt. Koch, zou op 7 dezer van Suriname herwaarts vetrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 29 mei. Volgens een hier ontvangen telegram-dépêche zijn de stoomschepen HOLLANDER, kapt. Van Putten, en GIRONDE, kapt. Van Emmerik, heden te Kroonstad gearriveerd.


02 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 juni. Zr.Ms. schroefstoomschepen 4e klasse KIJKDUIN en SCHOUWEN, respectievelijk onder bevel van de luitenants ter zee der 1e klasse H.E. Bunnik en C.T. Hackstroh, zijn in de voormiddag van de 1e dezer van de rede Texel naar zee vertrokken ter opvolging van hun bestemming naar Suriname.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle aan de IJssel, 1 juni. Heden is van de werf van A.P. Hoogendijk alhier met goed gevolg te water gelaten de schroefstoomboot KATWIJK, bestemd voor de vaart tussen Katwijk en Leiden, en onmiddellijk daarna de kiel gelegd van een dergelijk vaartuig.


04 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juni. Wij vernemen dat door de heren Van Zeylen & Decker alhier aan de heer Jan Smit Cz., te Alblasserdam is aanbesteed het maken van een houten drijvend dok, lang 310 Amsterdamse voeten, wijd 60 voeten binnenwerks en geschikt om schepen te dokken van 3000 ton, met een diepgang van 18 voeten, zodat het tevens zal kunnen dienen om twee schepen van 4 à 500 last tegelijk te dokken. Door deze onderneming wordt in een belangrijke behoefte voorzien, daar er bij de thans aanwezige inrichtingen geen gelegenheid bestaat om bij oostenwind met 8 à 9 voet diepgang te komen slippen, gelijk die gelegenheid ook niet bestaat voor schepen van 2000 ton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juni. Het schip ANJA SIETZIA, kapt. Huisman, van Hamburg naar St. Petersburg, is volgens telegram van Kroonstad in het ijs gezonken, doch het volk gered en door het schip ALBERT, kapt. Jaski, te Kroonstad aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juni. Het schip ZAANSTROOM, kapt. Driest, van Batavia naar Amsterdam, te Falmouth binnen, was de 30e mei van de geleden schade hersteld en gereed om de lading weder in te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. Het Nederlandse schip ALBERDINA, kapt. Loman, van Newcastle met cement en soda naar St. Petersburg, is volgens telegram uit Reval van eergisteren, aldaar lek, na op Nargone (opm: Nargen, thans Naissaar [Estland]) gestoten te hebben, binnengelopen. Het moet lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 juni. Donderdag j.l. (opm: 30 mei) arriveerde hier het nieuw gebouwde schoenerschip ELISABETH, kapt. S. Kruize, van Nieuw Scheemda, groot 160 ton, gebouwd bij E van Lingen Azn. te Veendam, en zaterdag (opm: 1 juni) het nieuwgebouwde galjootschip HARMANNUS HENDRIKA, kapt. H. Hoving, van Groningen, groot 110 ton, gebouwd bij L. Eijkema te Foxholsterbos.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal op vrijdag de 7 juni 1867, des middags 12 uur, in de Koffijzaal van den Prinsentuin, bij Everé aldaar, op 3 maanden krediet, verkopen een extra mooie partij nieuwe Riga grenen balken, plus minus 200 stuks, van 62 tot 120 palm lengte en 30 á 35 duim gemiddeld zwaar, dit voorjaar aangevoerd met het kofschip JOHANNES, kapitein Heijen. Bij tijdige aanvoer zullen er dan ook nog een dito partij Riga vuren balken worden bijgevoegd. Van heden dinsdag 4 juni af zullen de balken in de Gracht, achter de Prinsentuin, ter bezichtiging liggen en de verkoopboekjes bij Santee te bekomen zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een best onderhouden overdekt schip met ronde luiken, groot volgens meetbrief 14 ton, met zeil en treil, liggende te St. Nicolaasga. Te bevragen bij Jan Eizes Hoekstra aldaar.


05 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen:
-          in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 4 juni: het bezaan-aakschip de VROUW HENDRIKA, groot 73 ton: trekgeld NLG 155, opgehouden NLG 300.
-          In de zaal op de Scheepmakershaven op dinsdag 4 juni: het fregatschip HOLLANDIA, om NLG 15.800 verkocht; een chronometer: om NLG 174 verkocht; een dito om NLG 205 verkocht.
-          In de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 3 juni: het schoener-brikschip MARIA, gebouwd in 1853, kapt. J. van der Plas: NLG 7000, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Petersburg, 2 juni. Volgens telegrafisch bericht zijn de schepen WILLEM, kapt. Hindrichs, komende van Bergen en geladen met haring, en JUFFER ZWANETTE, kapt. Pekelder, komende van Newcastle en geladen met stukgoederen, beide nabij Hogland (opm: 60º 04’NB en 27º 00’ OL) en Sommers (opm: 60º 12’ NB en 27º 39’ OL) door het ijs gesneden en gezonken. De equipagiën zijn gered.
Het schip JANTJE TIDDENS, kapt. Hazewinkel, komende van Londen, herwaarts bestemd en geladen met stukgoederen, is de 22e mei eveneens bij Sommers gezonken. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.HZn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam, zullen als last hebbende van hun meesters, op dinsdag de 25e juni, des middags ten 12 ure in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd, en kopervast Nederlands brikschip JAPAN PACKET, gevoerd door kapt. A.M.C. den Exter van den Brink; lang 32 el, wijd 4 el 68 duim, hol 4 el, en alzo groot 266 tonnen of 140 lasten, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende aan de werf van de heren De Jongh, Kortlandt en Anthony te Rotterdam. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars.


06 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Z.M. heeft als blijk van goedkeuring en tevredenheid verleend de zilveren medaille en een loffelijk getuigschrift aan Swales, bevelhebber van het Engelse schip GUIDE van Whitby, ter zake dat hij de kapitein, diens vrouw en zes schepelingen van het op de 29e april 1867 bij de Coursche kust (opm: kust van Kurland – Baltische staten) in het ijs gezonken Nederlandse schoenerschip HARMONIE gered en te Windau aan wal gebracht heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 4 juni. Volgens gisteren ontvangen telegrafisch bericht, is het te Delfzijl te huis behorend schip GEERTRUIDA, kapt. Mandema, de 31e mei bij Hale in het ijs bezet geraakt, doorsneden en gezonken, doch het volk gered. De 2e dezer was er sterke ijsgang op de Newa.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 4 juni. Volgens alhier ontvangen telegram, zijn de 2e dezer te Kroonstad gearriveerd de Nederlandse schepen ANTJE, kapt. Scholtens, JANNA MEIJER, kapt. Datema, KARSINA HARMINA, kapt. Waterborg en BENEFICIUM, kapt. Kramer; alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 3 juni. Het galjootschip MARIA ELISABETH, kapt. Bonjer, van Shields naar St. Petersburg bestemd en geladen met stukgoederen, was gisteren bij Juleback, ½ mijl ten noorden van hier aan de grond, geraakte echter door assistentie weer schielijk vlot, is dicht gebleven en zal de reis voortzetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 juni. Heden arriveerde hier het nieuwgebouwde driemast schoenerschip VLIJT, kapt. B. Engelsman, van Veendam, groot plm 250 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 juni. Een hier maandag ontvangen telegram meldt, dat op 31 mei de schepen ANJA SIETSIA, kapt. Huisman, bij Kroonstad, GEERTRUIDA, kapt. C.J. Mandema, bij Hale (opm: Finse Golf), en JUFFER ZWANETTE, kapt. Pekelder, bij Hogland (opm: 60º 04’ NB en 27º 00’ OL) in het ijs bezet zijn geweest, doorsneden en gezonken. De bemanningen zijn gered.


07 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juni. Aangaande het schip JOHANNA EMILIE, kapt. Seubert (opm: waarschijnlijk buitenlander), de 18e november van Batavia naar Amsterdam vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 1 à 2 scheepstimmerknechten kunnen terstond werk bekomen bij D. Schuitmaker & K. Draaisma & Comp., Oostvliet te Franeker.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Attema te Drachten zal publiek verkopen het geoctrooieerd veerschip, steeds een goed bestaan opleverende, varende van Drachten op Harlingen en terug, welk schip in beste staat van onderhoud is, geijkt op 24 ton, met 2 stel beste zeilen, fokken, kleden en complete inventaris, zoals het bevaren wordt door Jelle A. Vegter. Ten gevolge verandering van woonplaats dadelijk te aanvaarden. De eerste zitdag is donderdag 13 juni, ’s avonds 6 uur in het logement het Wapen van Smallingerland te Drachten.


08 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. In de gieterij van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij te Feijenoord werd enige dagen geleden een buitengewoon zwaar bronzen stuk geschut gegoten, waaromtrent volgens een ooggetuige de navolgende bijzonderheden meldenswaardig zijn. Het stuk is lang 3,65 Nederlandse el, terwijl de diameter voor het lijf gemeten, 0,865 Nederlandse el bedraagt; de hoeveelheid metaal, voor de gieting daaraan gebezigd, bedroeg 17,928 Nederlandse ponden. Des morgens ten 9 ure was men met het smelten in twee ovens aangevangen en ten één ure reeds was al het metaal in twee gietpannen afgetapt, waarna de gieting plaats had die in acht minuten tijd was afgelopen. Het was waarlijk een trots schouwspel om zulk een grote massa gesmolten metaal, als ware het een gloeiende stroom in de gereed staande vorm te zien storten en ofschoon men nog geen zekerheid had dat het stuk bij het ontbloten daarvan goed geslaagd zou zijn, liep het gieten toch zó geregeld af, dat men daarvan de beste verwachting kon koesteren. Die verwachting is dan ook niet teleurgesteld: het monsterstuk, ontdaan van zand, looppijpen enz., is bevonden, voor zover men nu reeds daarover uitwendig kan oordelen, volkomen zuiver en gaaf te zijn. Het zal eerstdaags naar Delft gezonden worden om geboord en van een stalen kamer voorzien te worden. De ijzer- en metaalgietersbaas van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij G. Rincker, die door het gieten zowel van grote metalen als ijzeren voorwerpen zo menig bewijs gaf van volkomen op de hoogte te zijn van deze zo moeilijke industrie, heeft hiermede opnieuw bewezen dat men niet altijd naar het buitenland behoeft te gaan om zich te voorzien van hetgeen men verlangt, al is het ook buitengewoon. Het mag hier niet onvermeld blijven, dat Rincker op bovengenoemd etablissement tot die hoge graad van bekwaamheid is gekomen. Het is in het belang van de Nederlandse nijverheid te hopen, dat de minister van marine het voorbeeld van zijn ambtsgenoot, de minister van oorlog, voortaan moge volgen. De minister van marine toch heeft, zo men zegt, dezer dagen aanzienlijke bestellingen van gepantserde schepen in het buitenland gedaan, terwijl vreemde mogendheden in onderhandeling zijn met een fabrikant hier te lande, om dergelijke vaartuigen te doen aanmaken. Het zou zeker een vreemd en niet minder ongerijmd verschijnsel zijn, dat wij Nederlanders, bij het eventueel uitbreken van een oorlog, met materieel uit de vreemde ons zouden moeten verdedigen tegen schepen, in ons eigen land vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 5 juni. Het brikschip VASCO DE GAMA, kapt. Van Gelderen, van Vlaardingen naar Uleaborg bestemd, is in de Sond in aanzeiling geweest met het brikschip TVENDE BRÖDRE, kapt. Johannsen, van Honfleur naar Skelleftea bestemd. Het eerstgenoemde bekwam schade aan de boeg en het tuig en het laatstgenoemde aan de spiegel.


09 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 juni. Het Nederlandse schip MARIA PAULINA, (opm: kapt. L. Brons), in ballast van Dordrecht naar Riga bestemd, is op de hoogte van Lemvig verongelukt. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockholm, 7 juni. Het schip DANIEL, kapt. Lomberg (opm: mogelijk buitenlander), van Torrevieja naar Geffle bestemd, heeft nabij Soderarm op een rots gestoten en is als wrak aan te merken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 3 juni. Het schip SIRENE, kapt. Theesen (opm: buitenlander), van Hamburg naar St. Petersburg bestemd en geladen met stukgoederen, is de 1e dezer bij Hochland in het ijs gezonken. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wijburg (opm: Viborg), 1 juni. Het Nederlandse schip GEERTRUIDA, geladen met cichoreiwortelen, is in de nabijheid van Lilla Fiskaren (opm: 60º 30’ NB en 28º 09’ OL) gezonken. De equipage is gered, er is weinig van het schip geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 5 juni. Gisteren is alhier aangekomen het schoener kofschip DRIE GEZUSTERS, kapt. Dijkstra, van Amsterdam naar Stockholm bestemd. Het heeft in de voorgaande nacht een weinig aan gene zijde van het eiland Hveen de beide ankers verloren en zal zich alhier daarvan voorzien.


11 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 10 juni. Heden morgen is van hier vertrokken, gesleept door twee stoomboten, Zr.Ms. gepantserde drijvende batterij JUPITER, bestemd om te Hellevoetsluis opgelegd te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 april. Zr.Ms. stoomschip MONTRADO is afgekeurd en verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 19 april. Een stoom-pomp-baggermolen, die, voor gouvernements rekening uitgezonden, niet aan de verwachting voldeed, werd op vendutie geveild en aangekocht door onze stadgenoot J.A.A. Nicolai, die het vaartuig liet veranderen in een driemast schoener met hulp-stoomvermogen, thans genaamd DE HOOP. Daarmee is een proeftocht gedaan, die in alle opzichten aan de verwachting heeft voldaan. Het schip is bestemd voor de kustvaart en ligt thans in lading.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 april. Vrachten op NLG 75 à 80 voor tabak. Gecharterd werden de volgende schepen: de YOKOHAMA naar Amsterdam tot NLG 80 voor tabak, NLG 70 voor lichtgoed, NLG 15 voor tin en NLG 60 voor koffij, hier, Soerabaja en Probolingo te laden; de SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN tot NLG 80 voor tabak, NLG 50 voor koffij, in de Oosthoek in te nemen; de NEDERLAND EN ORANJE nam NLG 75 aan voor tabak op vracht, NLG 40 voor suiker, in de Oosthoek naar Rotterdam; de MAARTEN VAN ROSSEM bekomt NLG 82,50 voor tabak, NLG 15 voor tin, NLG 85 voor damar en NLG 120 voor arak naar Rotterdam. De ASIA tot NLG 75 voor tabak, NLG 50 voor koffij en NLG 15 voor tin, in de Oosthoek te laden; de HAAMSTEDE laadt vol tot NLG 85 voor tabak. Daar nu al veel tabak zijn bestemming heeft gekregen, zal het resterende wellicht goedkoper kunnen verscheept worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 april. Het wrak van het schip JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, hetwelk bij Edam is gestrand - bevorens vermeld - bracht met de lading van 500 picols tin en enig sapanhout op vendutie bruto NLG 20.300 op. De inventaris werd aan de wal afzonderlijk geveild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 april. Het Engelse schip HOTSPUR, groot 1670 ton, van Manilla naar New York, met een volle lading suiker en hennep, strandde de 17e dezer op het Brouwersrif bij Anjer. Sedert en bloc voor NLG 860 op vendutie verkocht, heeft men er niets meer van kunnen vinden; terwijl de sloepen enz. voor NLG 718 zijn verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 april. De schout-bij-nacht, commandant van de zeemacht en chef van het departement van de marine brengt ter kennis van belanghebbenden, dat door Zr.Ms. stoomschip ARDJOENO een nauwkeurig onderzoek is gesteld naar de riffen bewesten de Meinderts-droogte waarop, volgens de peilingen, opgegeven in de verklaringen van de gezagvoerders van de Nederlandse schepen ISIS en CORNELIS ANTHONY, deze beide bodems zijn verongelukt. Uit dit onderzoek blijkt dat op de door hen opgegeven plaats van stranding, hoegenaamd geen riffen aanwezig zijn, variërende aldaar de diepten tussen 57 en 60 vadems. Volgens de verklaringen stootten die schepen op een rif gelegen west ten noorden ongeveer 8000 Nederlandse ellen verwijderd van het stenen bakenmerk op Meinderts-droogte, op een plaats alwaar op de nieuwste kaarten geen rif voorkomt. De ligging van de wrakken duidt echter een andere plaats aan, volstrekt niet overeenkomende met de opgegeven peilingen. Het wrak van de ISIS werd gevonden op de Meinderts-droogte zelve, zuid 30° west, op een afstand van 567 Nederlandse ellen van het bakenmerk, terwijl dat van de CORNELIS ANTHONY was liggende op het rif, west-noord-west van Meinderts-droogte, welke beide gevaren voorkomen op de kaart: straten Bali en Lombok, door de luitenant ter zee 2e klasse P. Swaan, Batavia 1864.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Ledeboer zal maandag de 17 juni 1867, namiddags 2 uur, in de Prins te Makkum, verkopen een best tjalkschip, groot 57 ton, met al deszelfs toe- en aanbehoren, liggende te Makkum. Aanvaarding dadelijk.


12 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 11 juni. Gisteren is Zr.Ms. drijvende batterij de DRAAK van Vlissingen naar hier overgebracht en reeds ’s namiddags ten 5 ure aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 juni. Het schoenerschip CATHARINA, kapt. Slinger, van Bordeaux naar St. Petersburg bestemd, heeft in de nacht van 3 juni buiten Hveen de beide ankers verloren en is alhier daarvan weder voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 3 mei. Het Nederlands-Indische stoomschip PIETER LANDBERG, de 21e april van Soerabaija naar Japan vertrokken, stootte de 24e april op de Greig Shoal en, alhier wederom binnengelopen zijnde, is het door duikers onderzocht, welke rapporteerden, dat het een groot gat in de bakboordsboeg bekomen heeft. Het zal moeten lossen om te dokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 3 mei. Het Nederlandse schip CLIO, kapt. Ruardi Bek, van Amsterdam, de 10e april met schade hier gearriveerd - bevorens gemeld - moet lossen en dokken.


  JB - Javabode

De 4e juni is het Nederlands-Indische barkschip BETTY, kapt. Chevalier, van Soerabaija naar Batavia en verder naar Amsterdam vertrokken (opm: ex-Bremer bark BETTY; ze vertrok op 7 juni 1867 van Batavia naar Nederland).


13 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 juni. Aangaande het verongelukken van het Nederlandse schip JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. Gorter, op de reis van Batavia naar Soerabaja, wordt nog nader gemeld, dat men door stilte en schraalheid van wind genoodzaakt was te ankeren; dat kort daarop de zeewind met buitengewone hevigheid doorkwam en weldra toenam tot zware storm, waarbij het schip met de ankers is doorgedreven en op Edam-eiland gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 29 mei. Het schip CAROLINA CORNELIA, kapt. Peters, is heden alhier van Rio Grande aangekomen met verlies van verscheidene zeilen enz., en de kluiverboom is de 17e dezer op 37ºNB en 64ºWL gedurende een bui weggeslagen.


15 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 8 schepen, als:
voor Amsterdam: ANNA MARIA, kapt. E.T. Jager; JOHANNA EN WILLEM, kapt. C.H. Van der Veen; WILDEMAN, kapt. A.J. Driest; TELENAK, kapt. F.H. Popken en LICHTSTRAAL, kapt. J. Janzen.
Voor Rotterdam: ANTJE, kapt. P. van der Hoog en PETRONELLA, kapt. W.F. Leicher.
Voor Dordrecht: GENERAAL DE STUERS, kapt. J.C. Viersma.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. Piccardt, notaris te Hoogezand, zal op donderdag de 27e juni 1867, des avonds ten 6 uur, ten gemeentehuize te Sappemeer, publiek veilen en verkopen: het wel onderhouden, kopervast en gekoperd schoenerschip PROFESSOR KAISER, groot 160 tonnen of 85 lasten, liggende aan de Oosterdoksdijk te Amsterdam, met deszelfs complete inventaris. Informatiën zijn te verkrijgen bij de heren Doyer & Kalff te Zwolle, J. Berg Jz te Sappemeer en ten kantore van de notaris voornoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Het schip ALBERDINA, kapt. Loman, van Newcastle naar St. Petersburg, te Reval binnen, had volgens brief van daar van de 8e juni, bij de Vereniging van Assuradeuren te Amsterdam ontvangen, de lading gelost, waarvan 60 vaten gedeeltelijk nat verkocht werden; het schip had betrekkelijk weinig schade en zou met 10 à 14 dagen gereed zijn de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. In de nacht van 6 juni was bij Nargen op strand geraakt het schip FENNA HENDRIKA, kapt. Duit, van Newcastle naar St. Petersburg, dat echter met assistentie, tegen betaling van 300 roebels, weder vlot gebracht was. Het schip was ogenschijnlijk dicht gebleven en zou de reis voortzetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 14 juni. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwde kofschip VIER GEBROEDERS, kapt. Muntendam, van Groningen, groot 70 ton en gebouwd bij H. Nijhuis te Martenshoek.


  JB - Javabode

Batavia, 15 juni. Naar wij vernemen, is het Mecklenburger brikschip DIEDERICH PENTZIEN, van Singapore naar Melbourne, in de Karimata Passage verongelukt.


  JB - Javabode

Advertentie, Verkoop van een wrak en lading op dinsdag de 18e juni 1867, zal voor het commissiehuis van John Pryce & Co., voor rekening van belanghebbenden, op verzoek van de consul van Mecklenburg-Schwerin, publiek aan de meestbiedende verkocht worden, ten 9 ure des voormiddags: het wrak van de Mecklenburgse brik DIEDRICH PENTZIEN, laatst gevoerd door kapt. J.L. Johannsen, zoals het ligt of niet ligt in de Karimata Passage op de oostzijde van de zuidbank, met de zich daarin bevindende lading, bestaande uit sago en peper; daarna de geredde inventaris, bestaande uit een chronometer, sextant, kijker, kompassen, geweren, enige rollen touw en zeildoek, een longboat, een sloep, enz.


  JB - Javabode

Advertentie. Notice. For sale bij public auction. By order of the Trustees of messrs. Middleton, Harrison & Co. and Grant, Murdock & Co., on Thursday July 16 at 2 p.m., the screw steamer BINTANG. The BINTANG was built in 1864 at Ramsay, Isle of Man. and is classed A I at Lloyds; her gross tonnage is 317, less the space for the propelling power 85 tons, making the register tonnage 232 tons, carrying capacity with 60 tons of coals in the bunkers, being about 330 tons or about 4500 picols rice. The engines are 80 horse power, made by messrs. Humphery, Irnnaut & Co. (opm: Humphrey, Tennant & Co. te Deptford), the boilers are tubular and made of low moor iron, and the consumption of coals p. diem (opm: per day) is about 8¼ tons Cardiff or 10 to 11 tons of Newcastle. The steamers’ draught of water is about 8 feet when light and 12½ feet when loaded. For further particulars and inventory apply to Boustrad & Co. Singapore, 3rd june 1867. (opm: het schip werd gekocht door de firma Besier & Jonkheijm en kwam als VICE ADMIRAAL FABIUS onder Nederlandse vlag)


17 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 mei. Het Nederlandse barkschip ONRUST, kapt. Weisenbruch, van Macao naar Havana bestemd, aan boord hebbende 447 koelies, is alhier de 3e dezer binnengelopen met verlies van de grote mast en ander tuig en is alhier in tijdelijke quarantaine gesteld.


18 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juni. Het Nederlandse barkschip ADMIRAAL DE WINTER, kapt. Dill, is de 8e april van Bangkok te Ningpo behouden aangekomen, zijnde alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juni. Het Nederlandse schip JOHANNA MARIA, kapt. Overgaauw, vertrok 22 maart van Port Philip Heads, arriveerde de 24e te Guichon bay, nam aldaar 3490 schapen en 12 paarden in en was de 31e van die maand gereed om de reis naar Tientsing Bay, op 20° 37' ZB en 117° 8' OL (opm: NW Territories), te aanvaarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juni. Volgens particulier bericht van kapt. Weissenbruch, voerende het Nederlandse barkschip ONRUST, te Mauritius binnen - zie ons nummer van eergisteren en gisteren - had hij door een windhoos het boventuig verloren, doch dacht met acht dagen de reis te kunnen voortzetten. Het schip was overigens in goede staat en de passagiers en equipage in de beste welstand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 juni. Het Nederlandse schip STAD OLDENZAAL, kapt. Hoogterp, de 13e mei van Suriname naar La Guaira vertrokken, was de 18e dito aldaar gearriveerd en zou reeds begin juni beladen zijn naar Falmouth om order.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

’s-Gravenhage, 17 juni. Aan het lokaal van het provinciaal bestuur alhier is heden aanbesteed het wegruimen van het wrak van het in november 1866 in het Brouwershavensche Zeegat gebleven Nederlandse driemastschip ELISABETH. Voor dit werk waren geen biljetten van inschrijving ingekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Evertsz zal op zaterdag 29 juni 1867, elf uur, bij Kalsbeek te Oldeboorn, finaal verkopen een in beste staat zijnd en zeer goed onderhouden gewegerd hektjalkschip, de VRIENDSCHAP genaamd, groot 80 ton, met zeil en treil en verdere complete inventaris, liggende te Oldeboorn en bevaren door W.A. Hagen; waarop slechts geboden is NLG 3.000.


19 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 17 juni. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ADOLF HERTOG VAN NASSAU, benevens de stoomschepen CURAÇAO en ZOUTMAN zullen met de 1e van de volgende maand een exercitietocht doen, die naar men meent, slechts 4 à 6 weken zal duren. Men zou Edinburgh aandoen en daar enkele dagen vertoeven. Daarna komen die schepen hier in de haven terug. Het stoomschip METALEN KRUIS, dat ook een deel van de divisie zou uitgemaakt hebben, zou wegens voortdurende lekkage die men in het droge dok niet heeft kunnen verbeteren, buiten dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Passage naar Batavia en Soerabaija om in de loop van juli te vertrekken: het extra snelzeilend gekoperd campagne barkschip JOHANNA EN WILLEM (ex PETRONELLA CATHARINA), 600 ton, 3/3 L. l.l., kapt. C.H. van der Veen. Uitmuntend ingericht voor passagiers en families, door ruime hutten, afzonderlijke kajuiten en varende een geëxamineerde dokter. Adres: De Coningh & Co en Floris der Kinderen & Zoon. (opm: eerste reis na verdoping van het schip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 14 juni. Het schip HERSTELLING, kapt. Lukkien, welk alhier de 6e dezer is aangekomen, heeft een gedeelte der lading in beschadigde staat gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Hektjalkschip. De notaris Evertsen te Oldeboorn (Friesland), zal op zaterdag 29 juni 1867, elf uur, bij Kalsbeek aldaar, finaal verkopen: een in beste staat zijnd en zeer goed onderhouden gewegerd hektjalkschip, DE VRIENDSCHAP genaamd, groot 80 ton, met zeil en treil en verdere complete solide inventaris, liggende te Oldeboorn en bevaren door W.A. Hagen, waarop slechts geboden is NLG 3000.


20 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 19 juni. Zr.Ms. drijvende batterij JUPITER is per (opm: sleepboten) ZUIDHOLLAND en KINDERDIJK benevens FRANS NAEREBOUT (opm: stoom- betonningsvaartuig) naar Nieuwediep gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 13 juni. Het Nederlandse kofschip HENDRIKA EVELINA (opm: HENDRIKA EBELINA), kapt. G.J. Jonker, van Amsterdam naar St. Petersburg bestemd en geladen met klei, is bij Sundre gedurende de dikke mist, hetwelk alhier de 10e en 11e dezer heeft geheerst, gestrand. Men hoopt dat het schip vlot zal komen en waarschijnlijk de reis zal vervolgen. (opm: schip komt af en strandt in 1874 definitief op de Engelsmanplaat)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 juni. Het Nederlandse galjootschip CATHARINA HOFLAND, kapt. Hazewinkel, is hedenmorgen met het overige gedeelte van de lading naar St. Petersburg vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 17 juni. De PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, door de heren Laird Brothers te Birkenhead voor rekening der Nederlandse regering gebouwd, is thans gereed. De schroefstoomboot is de grootste dubbele batterij, die tot heden op stapel is gezet. De lengte (opm: van het schip) is 240, de breedte 44 en de hoogte 28 voet. De torens hebben de vorm van een cilinder en zijn beschermd door platen van 5½ duim dikte. (opm: dit is Zr.Ms. ramtorenschip van die naam)


21 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 20 juni. Gisteren zeilden voorbij Scheveningen in het gezicht van de wal drie loggerschepen, toebehorende aan de rederij De Toekomst, onder directie van de heer A.E. Maas. Die schepen, waarvan er een te Boulogne in Frankrijk en twee te Vlaardingen zijn gebouwd, varen met drie masten en bijzonder tuig, Zij zijn bestemd en uitgerust ter haringvisserij. De eerste proeve hier te lande om die soort schepen voor deze visserij te bezigen werd in het vorig jaar door gemelde rederij genomen en levert zeer voldoende resultaten op. Thans heeft de heer M. Parser het voorbeeld van de heer Maas gevolgd. Eerstgenoemde wil echter beproeven, of men voor deze vaart ook kleinere soortgelijke schepen zou kunnen bezigen en heeft daartoe aangekocht een tweemast sculbscheepje (opm: mogelijk wordt bedoeld: scull-scheepje, scheepje met wrik- en/of stuurriem), ter grootte van 40 tonnen. Zijn we wel onderricht, dan heeft de bemanning van dat vaartuig in last een van de drie loggerschepen zelfs tot in de noordelijke streken te volgen. In verband met deze proeven, herinnert men zich dat in het vorige jaar door het loggerschip, te Boulogne gebouwd en door de heer Maas in de vaart gebracht, zes reizen zijn gedaan met een bemanning, deels uit Scheveningers, deels uit Vlaardingers bestaande. De voordelen, zowel voor de rederij als voor de bemanning behaald, waren, zoals uit het verslag van de staat van de nijverheid van 's Gravenhage en Scheveningen blijkt, uitlokkend genoeg om met de onderneming, zelfs op grotere schaal, voort te gaan.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een in beste staat zijnde praam, groot plm. 8 ton. Te bevragen bij Jan van der Zee, scheepstimmerman aan de Trekvaart te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een best overdekt praamschip, groot elf ton, met inventaris, bij S. Zwat te Grouw.


22 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 20 juni. Heden is alhier van Hellevoetsluis aangekomen Zr.Ms. drijvende batterij JUPITER, met assistentie van de FRANS NAEREBOUT en de sleepboten KINDERDIJK en ZUIDHOLLAND.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lowestoft, 19 juni. Heden is van hier vertrokken het schip WILLIAM AND SARAH, kapt. Rollason, van Shields naar Nieuwediep bestemd, na alhier reparatie ondergaan te hebben en de lading steenkolen enz. wederom ingenomen te hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Petersburg, 19 juni. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip JACOMINA, kapt. Kuijpers, komende van Newcastle herwaarts en geladen met stukgoederen, na op Neckman’s Grund (opm: ondiepte NNW van Hiiumaa, pl.m. 59º NB en 22º O) gestoten te hebben, in een zinkende staat verlaten. De equipage is te Kroonstad aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 21 juni. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwde schoenerschip ZUURDIJK, groot plm 120 ton, kapt. H. Kwint, gebouwd bij J. Berg Jz. te Sappemeer.


  JB - Javabode

Samarang, 18 juni. Men meldt van Madura: de brik FATHOOL WADOOL, gezagvoerder Said Oemar bin Achmat Almookloor, van Samarang, komende van Bima met 200 paarden en enige handelsgoederen, is op de 31e mei jl. ten noordoosten van Sapoedi, nabij het eilandje Manook, onder Sumanap gestrand.


23 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Het schip CATHARINA AGATHA, kapt. Potjewijd, van Hamburg naar Newfoundland, is volgens bericht van daar van de 7e juni in Carbonear baai (opm: 47º 44’ NB en 53º 14’ WL) verongelukt, doch het volk gered. (opm: zie ook NRC 010767 en PGC 040767)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Het schip SYMPATHIE, kapt. Bakema, van Antwerpen naar San Jose de Guatemala is gepraaid op 20° 13' NB, 37°14' WL. door een te Montevideo aangekomen schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio-Janeiro, 23 mei. Het schip THERESIA, kapt. Huising, van Cadix naar Montevideo bestemd, is alhier de 6e dezer (opm. mei) lek binnengelopen.


24 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 juni. Heden ten 5 uur is alhier ter rede gekomen Zr.Ms. raderstoomschip DE VALK, bestemd om te assisteren bij vertrek naar Amsterdam van Zr.Ms. schroefstoomschip VICE ADMIRAAL KOOPMAN, die aldaar verder afgetimmerd zal worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 23 juni. Het schoenerschip VERTROUWEN, kapt. De Ruiter, is de 25e april van Lapas (Corrientes) te Buenos Aires aangekomen en van daar de 10e mei gezeild naar Rio Negro (Patagonië), om aldaar zout te laden met bestemming voor Buenos Aires of Rosario. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 21 juni. Het Veendammer schip ANNETTE NANNINGA, kapt. Havenga, van Sunderland naar St. Petersburg bestemd, geraakte gisteravond bij Lappen aan de grond; doch door assistentie is het hedenochtend weer vlot gekomen. Het schip is dicht gebleven en heeft de reis voortgezet.


26 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te R otterdam op dinsdag 25 juni 1867:
- 1/30e aandeel in het barkschip ISAAC DA COSTA, groot 326 lasten of 617 tonnen, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. J.J. Klein, thans liggende alhier, bevracht naar Hongkong, boekhouders de heren Anes van Dam & Co. te Rotterdam: opgehouden.
- 1/60e aandeel in hetzelfde schip: opgehouden.
- 1/30e aandeel in het ijzeren barkschip CORNELIA, groot 440 lasten of 833 tonnen, gebouwd in den jare 1863, gevoerde door kapt. H. Croese, thans op reis naar Java, boekhouders de heren Louis Bienfait & Soon te Amsterdam: opgehouden.
- 1/25e aandeel in het driemast clipperschip ELLINA, groot 260 Java-lasten of 365 tonnen, gebouwd in den jare 1863, gevoerd door kapt. H.F. Lammerts, thans op reis naar Hongkong, boekhouders de heren Batenburg & Co. te Rotterdam. Om NLG 550 verkocht.
- 1/25e aandeel in het barkschip JOHANNES MARTINUS, groot 503 tonnen of 265 lasten, gebouwd in den jare 1854, gevoerd door kapt. C. Dalloijaux, thans op reis naar Hongkong, boekhouders de heren Batenburg & Co. te Rotterdam. Om NLG 420 verkocht.
- 1/40e aandeel in het clipper-fregatschip WILLEM POOLMAN, groot 1627 tonnen of 859 lasten, gebouwd in den jare 1866, gevoerd door kapt. A. Hoogenstraten, thans op Java, ladende voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren Van Zeylen & Decker te Rotterdam: opgehouden.
- 1/30e aandeel in het clipper-fregatschip PHILIPS V AN MARNIX, groot 1516 tonnen of 800 lasten, gebouwd in den jare1863, gevoerd door kapt. L.F. van Ruyven, thans liggende te Samarang, bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren Van Zeylen & Decker te Rotterdam: opgehouden.
- 1/40e aandeel in hetzelfde schip: opgehouden.
- 1/40e aandeel in het clipper-fregatschip L.J. ENTHOVEN, groot 848 tonnen of 432 lasten, gebouwd in den jare 1864, gevoerd door kapt. N. Koens, thans op reis van Java naar Rotterdam, boekhouders de heren De Groot Roelants & Co. te Shiedam: opgehouden.
- 10/96e aandelen in het barkschip GENERAAL MICHELS, groot 207 lasten of 393 lasten, gebouwd in den jare 1850, gevoerd door kapt. P.G. Visser, thans op Java, bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren De Cock & Hop te Rotterdam:
opgehouden.
-          7/96e aandelen in hetzelfde schip: opgehouden.
-          1/60e aandeel in het barkschip GIJSBERT KAREL GRAAF VAN HOGENDORP, groot 754 tonnen of 398 lasten, gebouwd in den jare 1864, gevoerd door kapt. E.W. Fabritius, thans op reis naar China, boekhouders de heren Hartog & Glazener te Rotterdam: opgehouden.
-          1/60e aandeel in het barkschip LEOPOLD GRAAF VAN LIMBURG STIRUM, groot 755 tonnen of 399 lasten, gebouwd in den jare 1865, gevoerd door kapt. N.H. Keuker, thans alhier liggende, boekhouders de heren Hartog & Glazener te Rotterdam: opgehouden.
-          1/64e aandeel in het barkschip ALMONDE, groot 556 tonnen of 294 lasten, gebouwd in den jare 1854, gevoerd door kapt. M. Pijl, thans op reis naar Java met retourvracht voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren Pistorius & Bicker Caarten te Rotterdam: om NLG 375 verkocht.
-          1/60e aandeel in het barkschip TOLLENS, groot 711 tonnen of 376 lasten, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. B. Verhagen, thans alhier liggende, boekhouders de heren Pistorius & Bicker Caarten te Rotterdam: om NLG 300 verkocht.
-          1/50e aandeel in het campagne-fregatschip JOHANNES ANTHONIUS, groot 720 tonnen of 380 lasten, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. A. v.d. Voogd v.d. Straaten, thans op reis naar Java, boekhouder de heer W.G. Ledeboer te Rotterdam: opgehouden.
-          Drie 1/300e aandelen in het barkschip GROOTMEESTER NATIONAAL, groot 755 tonnen of 399 lasten, gebouwd in den jare 1857, gevoerd door kapt. A.F. Giesse, thans liggende hier te lande, boekhouders de heren J. Mauriz, F. van Wageningen en J. van Oldenborgh te Dordrecht. Om NLG 105 verkocht.
-          1/64e aandeel in het barkschip KRIMPENERWAARD, groot 397 lasten of 752 tonnen, gebouwd in den jare 1857, gevoerd door kapt. H.P. Kluit, thans op reis van Melbourne naar Java, terug bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouder de heer H.L.C. Lehr te Rotterdam: opgehouden.
-          Vijf 1/16e aandelen in het barkschip CORNELIA HENDRIKA, groot 306 lasten of 581 tonnen, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. H. IJzendoorn, thans alhier in lading liggende naar Java, boekhouders de heren Wm. Ruys & Zonen: opgehouden.
-          1/20e aandeel in het brikschip GOUVERNEUR NAGTGLAS, groot 112 lasten of 210 tonnen, gebouwd in den jare 1861, gevoerd door kapt. H.J. Lieneman, thans op reis naar de Westkust van Afrika, boekhouders de heren Bouman & Van Rijckevorsel te Amsterdam: om NLG 510 verkocht.
-          1/54e aandeel in het clipper-fregatschip de KOFFIJBOOM, groot 1300 tonnen of 687 lasten, gebouwd in den jare 1865, gevoerd door kapt. A. van Galen, thans op reis naar Singapore, boekhouder de heer F. Fokkens te Delfshaven: opgehouden.
-          1/16e aandeel in het driemast schoenerschip SINGAPORE, groot 332 tonnen of 175 lasten, gebouwd in den jare 1850, gevoerd door kapt. J.P. Stoop, thans alhier liggende, boekhouders de heren Batenburg & Co. te Rotterdam. Om NLG 410 verkocht.
-          1/16e aandeel in hetzelfde schip: om NLG 410 verkocht.
-          1/20e aandeel in het clipperschip met hulpstoomvermogen ’s-GRAVENHAGE, groot 2000 tonnen of 1050 lasten, gebouwd in den jare 1866, gevoerd door kapt. J.R. Bok, thans op reis naar Java, met retourvracht voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren Van Zeylen & Decker te Rotterdam: opgehouden.
-          1/60e aandeel in het clipper-fregatschip MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, groot 1568 tonnen of 828 lasten, gebouwd in den jare 1864, gevoerd door kapt. J. Bouwmeester, op de tehuisreis van Java, boekhouders de heren Van Zeylen & Decker te Rotterdam: opgehouden.
-          Twee 1/26e aandelen in het ijzeren fregatschip HOEK VAN HOLLAND, groot 480 lasten of 909 tonnen, gebouwd in den jare 1864, gevoerd door kapt. J. Bakker, thans liggende op Java, bevracht voor NLG 105 per last, boekhouders de heren Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam: opgehouden.
-          Vier 1/20e aandelen in het barkschip JAPARA, groot 410½ lasten of 778 tonnen, gebouwd in den jare 1863, gevoerd door kapt. W. Leverstein, thans op reis naar China, boekhouders de heren Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam: opgehouden.
-          4/120e aandelen in het fregatschip ZUID-HOLLAND, groot 1292 tonnen of 682 lasten, gebouwd in den jare 1864, gevoerd door kapt. J. Immerzeel, thans op reis naar Hongkong, boekhouder de heer Hendrik Veder te Rotterdam: opgehouden.
-          1/20e aandeel in het fregatschip MARIA EN ELIZABETH, groot 1359 tonnen of 718 lasten, gebouwd in den jare 1863, gevoerd door kapt. E.F. Bonjer, thans op reis naar Singapore, boekhouders de heren E. Suermondt & Zonen & Co. te Rotterdam: opgehouden.
-          1/20e aandeel in het barkschip FREDERIK HENDRIK, groot 315 lasten of 611 tonnen, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. A. van Ameyden van Duym, thans op de reis van Java, bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij, boekhouders de heren L. ’t Hoen & Co. te Rotterdam: om NLG 300 verkocht.
-          1/20e aandeel in hetzelfde schip: om NLG 470 verkocht.
-          2/50e aandelen in het clipper-fregatschip NOORD-BRABANT, groot 389 lasten of 736 tonnen, gebouwd in den jare 1856, gevoerd door kapt. M. Rademakers, thans liggende te Amsterdam, boekhouders de heren P. Rademakers & Co. te Delfshaven: opgehouden.
-          1/100e aandeel in hetzelfde schip: opgehouden.
-          1/40e aandeel in het in aanbouw zijnde clipperschip met stoomvermogen UTRECHT, waarop voor eerste storting is betaald NLG 2000, en zullende varen onder boekhouderschap van de heren Van Zeylen & Decker te Rotterdam: niet geveild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 25 juni 1867: het brikschip JAPAN PACKET, gevoerd door kapt. A.M.C. den Exter van den Brink, groot 266 tonnen of 140 lasten, gebouwd in 1850: om NLG 9000 opgehouden; een chronometer: niet geveild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 mei. Op het ogenblik hebben we in onze havens geen andere Nederlandse schepen dan de GALILEÏ, kapt. Van der Mey, die, na op de stoomhelling een degelijke reparatie te hebben ondergaan, thans in het buitendok ligt en zich voor de thuisreis gereed maakt.
De FREDERIK HENDRIK heeft ruim twee maanden in Simonsbaai gelegen en de 23e april de reis naar Rotterdam voortgezet.
Op de 28e april kreeg Tafelbaai een bezoek van het barkschip KRIMPEN AAN DE LEK, kapt. Rotgans. Het kwam van Macao met koelies, bestemd voor Havana. Na water ingenomen te hebben is het twee dagen later weer vertrokken.


28 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 26 juni. Volgens particulier bericht is het barkschip KRIMPEN AAN DE LEK, kapt. Rotgans, de 3e maart met 368 emigranten (koelies) van Macao naar Havana vertrokken, de 24e april te Kaapstad gearriveerd - zie ons nummer van gisteren. Gedurende de reis was slechts één koelie overleden; de gehele equipage en de overige emigranten verkeerden in de beste welstand; de 27e april is het schip vertrokken en hoopte men de verdere reis genoegelijk te volbrengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 27 mei. Het Nederlandse oorlogsstoomschip JAVA, waarnemend commandant Van Alphen, van Batavia naar Nederland bestemd, is alhier de 23e dezer binnengelopen. De kapitein was de 14e april op de hoogte van Rodrigues, in een storm door een ongeluk om het leven gekomen. Het stoomschip is de 27e weder vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 26 juni. Het Nederlandse tjalkschip GESINA, kapt. Deen, van Newcastle naar St. Petersburg bestemd, is gisteren alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 18 juni. Het schoener-brikschip FENNA GESINA, kapt. J.H. Ymker, van Liverpool naar St. Petersburg bestemd, geladen met zout, is de 6e dezer tussen Kalkgrund (opm: positie 59º 43’ NB en 26º 05’ OL) en Ekholm (positie 59º 41’ NB en 25º 48’ OL) in 38 vadem water gezonken, zijnde door het ijs doorsneden. De equipage is gered.
[afb]
Vuurtoren Ekholm, Estland
(fotocollectie Wikipedia)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 24 juni. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip ADRIANUS, kapt. Goudswaard, van Antwerpen, laatst van Scilly, naar Montevideo bestemd, alhier lek en met verstopte pompen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 juni. Betreffende het gisteren onder de scheepstijdingen vermelde ongeluk, de commandant van het Nederlandse oorlogsstoomschip JAVA overkomen, vernemen wij nog de volgende bijzonderheden: In de avond van 14 april, ten 5½ ure, begon de wind toe te nemen en wel zó hevig, dat er ten 7 ure een orkaan woei. Geen tijd was er om de zeilen te bergen. In een oogwenk waren alle zeilen weggewaaid of hingen aan flarden langs ra's en gaffels. Alle verschijnselen duidden de zo zeer gevreesde orkaan van deze streken aan. Men was het Kaapse rif gepasseerd. Gedurende de orkaan kwam de commandant, de kapt.-luitenant ter zee Modderman, uit zijn kajuit om naar het dek te gaan. Een vreselijke zee wierp het schip eensklaps met zulk een ruk op zijde, dat de commandant met een grote vaart het luik van de trap naar de longroom ingesmeten werd. Niets brak zijn val dan het handvat aan de binnenzijde van het luik, waar hij met het hoofd tegenaan kwam. Hij kwam beneden in het portaal terecht en was terstond dood. Geneeskundige hulp kon niet baten. De bemanning verloor in hem een braaf commandant en scheepsmakker, die altijd op de meest heuse, vriendschappelijke wijze met zijn officieren had omgegaan. Als zeeman en als mens was hij door de gehele marine geacht en bemind. Zijn stoffelijk overschot is te St. Helena met militaire honneurs, waaraan civiele en militaire autoriteiten van St. Helena deelnamen, ter aarde besteld.


29 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 14 mei. Het Nederlandse barkschip ZES GEZUSTERS, kapt. Rutgers, de 6e dezer van Sydney alhier aangekomen, rapporteert dat het de 6e maart uit Sydney is vertrokken; op de 17e van die maand op 21°46' ZB en 157°39' OL beliep het een zware storm uit het zuidoosten tot aan zuidzuidwest, terwijl de barometer tekende 29.23. Van daar af lichte koelten uit het zuidoosten en passeerde de 30e maart de linie op 161°OL. Zeilden vervolgens de 4e april ten oosten van Ponopa en de 11e tussen Aguiana Rotta. Hadden vervolgens lichte koeltjes uit het oosten en stilte tot aan Claro Babuyan (opm: Babuyan Claro, positie 19º 32’ NB en 121º 56’ OL; eilandje in het Balintang Kanaal), dat we de 28e april in het gezicht kregen; van daar af hadden we lichte koelten tot op onze aankomst alhier. Op de hoogte van Claro Babuyan (opm: Babuyan Claro) praaiden we het Nederlandse schip VOORUIT, kapt. Logger, van Newcastle N.S.W. naar Manilla bestemd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 28 juni. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwde schoenerschip NICOLA MARIA, kapt. H. Vinke, van Winschoten, groot plm 200 ton en gebouwd bij Drenth te Muntendam.


30 juni 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 29 juni. Volgens een telegrafisch bericht van de gezagvoerder P. Tobiassen is hij na veel oponthoud. veroorzaakt door het ijs, gisteren met het schip ZEEPAARD behouden te Hernösand aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 26 juni. Het Nederlandse schoener-galjootschip VROUW MARTHA, kapt. Ebes, van Windau naar Harlingen bestemd, geraakte eergisterenavond in de Droogden aan de grond, doch geraakte nadat het een gedeelte van de deklading over boord geworpen had, weer vlot en zeilde na de overboord geworpen deklast, op vier balken na, die door een Zweedse vissersboot weggesleept waren, weer ingenomen te hebben, naar de rede van Kopenhagen. Daar het schip dicht gebleven is, zo zal de kapitein de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Archangel, 26 juni. Men meldt de volgende verliezen van schepen: de PRINCE OSCAR, CHRISTINA AGATHA, PROVINDENTIA en JOHANNA LOUISA. De volgende schepen zijn door hun equipages verlaten en alhier aangebracht, als: DACAPO, FRENDERNE, JOHANNES PARRATA, WODUTEL(?) en ALPHA. Men meldt verder dat een hondertal schepen zijn verongelukt, waarvan de equipages in een wanhopige toestand zijn op de Laplandse kust.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 21 mei. Aan boord van het schip JEANNE MEIJER, van Mauritius hier aangekomen, leden bijna allen aan de koorts. De bemanning was zo hulpeloos, dat het schip niet kon gestuurd worden en drie dagen bij de Carimons (opm: Karimunjawa eilanden) moest liggen totdat en sleepboot ter assistentie werd gezonden. Voordat het schip in de haven ten anker kwam, waren twee man van de equipage en vier passagiers gestorven. Ongeveer acht man van de equipage en al de passagiers zijn gevaarlijk ziek.


01 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 30 juni. Heden is alhier binnengekomen Zr.Ms. stoomschip VALK, kapt. Koopman, op sleeptouw hebbende Zr.Ms. stoomschip VICE ADMIRAAL KOOPMAN, komende van Vlissingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harbor Grace, 10 juni. Het schip CATHARINA AGATHA, kapt. Potjewijd, komende van Hamburg, heeft de 5e dezer in de haven van Carbonear gestoten, heeft een gedeelte van de lading voor alhier bestemd, aan land gebracht en was op de weg naar Carbonear (opm: 47º 44’ NB en 53º 14 W’L) met het restant van de lading, toen het hevig op de rotsen stootte, terwijl het de haven wilde inzeilen en moest op strand lopen om het schip voor zinken te behoeden. Het schip, tuig en lading is geveild geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.H. Zn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam, zullen als last hebbende van hun meesters op dinsdag de 9e juli 1867, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1,nummer 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip TOLLENS, gevoerd door kapt. B. Verhagen, lang 43 el 51 duim, wijd 7 el 30 duim, hol 5 el 4 duim, en alzo groot 711 tonnen of 376 lasten, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. Het schip is het laatst door de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht geweest in juni 1864. Nog zal afzonderlijk worden geveild een chronometer van Ch. Frodsham. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een goed onderhouden, gekoperd en kopervast, snelzeilend Nederlands barkschip, groot 391 gemeten ton, geklassificeerd bij de Nederlandsche Vereeniging A 2 en bij Veritas L 1.1. Te bevragen bij M. Kerdel te Schiedam.


02 juli 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Petersburg, 26 juni. De kapitein van het stoomschip VERONA, die met 4 zeilschepen te Archangel gearriveerd is, rapporteert dat ongeveer 30 schepen in de Witte Zee waren verongelukt, verscheidene equipagiën dreven op ijschotsen rond. Een te Archangel verspreid gerucht meldt, dat een honderdtal schepen zijn verongelukt, waarvan de equipagiën in wanhopige toestand op de Laplandse kust verkeren.


03 juli 1867


  JB - Javabode

Advertentie. Te koop: de ijzeren stoomsloep WILLEM, hebbende een stoomvermogen van 15 paardekracht, een lengte van 15½ bij een breedte van 2½ en diepte van ¾ Nederlandse el, benevens een waarloze nieuwe stoomketel. Informatie bij N. van Riet.


04 juli 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harbor Grace, 10 juni. Van het schip CATHARINA AGATHA, kapt. Potjewijd, van Hamburg naar New Foundland, in Carbonear baai (opm: 47º 44’ B en 53º 14’ WL) verongelukt, is een gedeelte der lading geborgen. De romp, tuigage en nog inhebbende lading zijn in publieke veiling verkocht.


05 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juli. Luidens een bij het departement van Marine ontvangen telegram is Zr.Ms. ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN de 4e dezer des morgens ten 11 ure van Liverpool naar Newcastle vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juli. Volgens telegrafisch bericht is hedenmorgen ten 5 ure behouden te Sunderland aangekomen het Nederlandse schip MARIA ADRIANA, kapt. C.J. Itz , laatst van Hellevoetsluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 2 juli. Het Nederlandse schip JANTINA, kapt. P.J. Tuk, is alhier met slagzijde binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 28 juni. Het schoenerschip ADRIANUS, kapt. Goudswaard, van Antwerpen het laatst van Scilly naar Montevideo bestemd en geladen met een algemene lading, hetwelk alhier de 24e dezer is binnengelopen met verstopte pompen - bevorens gemeld - zal moeten lossen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een nieuw schip te koop, lang 11,76 el of 42 voet, wijd 2,94 el of 10½ voet, hol 1,12 el of 4 voet; bij den scheepstimmerbaas P.H. van der Werff te Drachten.


06 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Het schip HERSTELLER, kapt. Panjer, van Hamburg naar Leith bestemd, is eergisteren uit zee te Cuxhaven teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 juli. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwde driemast schooenerschip KOSMOPOLIET, groot plm 220 ton, kapt. G.K. Mulder, van Nieuwe Pekela, onder directie van J.D. Romkes, te Sappemeer, gebouwd bij J.U. van der Werff te Hoogezand.
En ook het nieuwgebouwde galjootschip SWAANTJE GROENENDAL, groot plm 90 ton, kapt. A.F. Rasker, gebouwd bij de Gebr. Smit te Foxholsterbos.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. De Staats-Courant bevat de volgende vergelijkende opgave van de schepen waarvoor gedurende de eerste zes maanden van 1866 en 1867 voor de eerste maal Nederlandse zeebrieven zijn uitgereikt. In de eerste zes maanden van 1867 bedroeg het getal van die schepen: binnenlands gebouwd 51, metende 5432 lasten, als : 1 clipperschip, 1 dito met stoomvermogen, 1 fregat, 2 barken, 9 brikken, 10 schoeners, 11 galjoten, 7 koffer, 4 tjalken, 2 smakken, 1 hoeker of logger, 1 vuur- of lichtschip, 1 stoomschip; en buitenlands gebouwd 7 schepen, metende 996 tonnen, als : 1 brik, 2 schoeners, 2 koffen en 2 stoomschepen. Totaal 58 schepen, metende 6428 lasten,tegen 59 schepen, metende 8118 lasten, in de eerste zes maanden van 1866.


  JB - Javabode

Advertentie. Bij besluit van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 2 juli 1867 no. 18 is aan de firma Besier en Jonkheijm tot wederopzeggens toe vergunning verleend tot het in de vaart houden van de stoomschepen SINGAPORE, MENADO, BATAVIA, PADANG, PALEMBANG en PRINS VAN ORANJE, bestemd tot het vervoer van passagiers en goederen langs de noordkust van Java en tussen Java, Singapore, Makassar en Bandjermasin.


07 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op heden de 4e juli 1867, ten verzoeke van Wilhelmina Pieternella van Duren, dienstbode, wonende te ’s-Gravenhage, huisvrouw van Joseph James Morton Williams, uit krachte ener beschikking van de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam van de 26e juni l.l. heb ik, ondergetekende George Christoph Stoeller, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank voornoemd, gedagvaard voornoemde Joseph James Morton Williams, zeeman, vroeger gewoond hebbende te Rotterdam, doch wiens tegenwoordig verblijf is onbekend, om te verschijnen op maandag 14 oktober 1867 ter terechtzitting van de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, ten einde namens de eiseresse te horen concluderen:
-          Aangezien de gedaagde, met wie de eiseresse de 23e juni 1858 te Rotterdam is gehuwd, heeft behoord tot de equipage van het aan de heren Kerdijk & Pincoffs, reders te Rotterdam, toebehoord hebbende schip GITANA, gevoerd door kapt. J. Schots.
-          Aangezien genoemde bodem op de 29e oktober 1861 van Quisembo vertrokken is en er sedert die datum nimmer van dat schip, noch van de gedaagde iets vernomen is, zodat er alle reden bestaat te veronderstellen, dat bedoeld schip met man en muis is vergaan en der eiseresse man daarbij is omgekomen.
-          Aangezien er alsnu meer dan drie jaren zijn verlopen sedert de laatste tijding bij de eiseresse van haar voornoemde man is ingekomen.
-          Aangezien op grond daarvan de eiseresse verlof heeft gevraagd en bekomen om haar afwezige echtgenoot op te roepen, ten einde bij niet-verschijning van de rechter te verzoeken dat deze zal verklaren dat er rechtsvermoeden van des gedaagden overlijden bestaat sedert de 31e oktober 1861 en aan haar, eiseresse, verlof te verlenen tot het aangaan van een ander huwelijk.
Dat, indien de gedaagde niet mocht opkomen om van zijn aanwezen te doen blijken daarvan acte aan de eiseresse zal worden verleend.
Rotterdam, 4 juli 1867, G.C. Stoeller.
(opm: sterk bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wildervank, 4 juli. Van de werf van de heren Meihuizen & Zoon liep heden van stapel het schoener-brikschip CATHARINA, groot pl.m. 140 last, zullende door kapt. E.T. Mulder, van Veendam, onder directie van de heer P. Pieters te Amsterdam bevaren worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia en Soerabaija voor goederen en passagiers, waartoe hetzelve uitmuntend is ingericht, het nieuw gebouwd Nederlands clipper-fregat NESTOR, voorzien van stoomvermogen, gevoerd door kapt. C.B. Brandligt, voerende een geëxaminieerde scheepsdokter en een melkgevende koe. Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuyzen. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op maandag 15 juli 1867, des middags ten 12 ure ten overstaan van de deurwaarder J.C. Lach, aan de Haringvliet (Noordzijde), tegenover de Paauwensteeg te Rotterdam, van een goed onderhouden hektjalkschip, gebouwd in 1855, groot 60 ton, met complete inventaris en genaamd de VROUW NEELTJE, liggende en te bezichtigen ter voormelde plaatse van af woensdag 10 juli aanstaande.


09 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 mei. Vrachten. Deze bleven bij de geringe arrivementen van disponible bodems goed gesouteneerd, hoewel de af te schepen producten verminderen en dus enigszins ruime arrivementen lichtelijk daling zouden kunnen veroorzaken. Naar Amsterdam werd opgenomen het Nederlands schip BONI à NLG 15 voor tin en NLG 80 voor koffij, te Tjilatjap te laden. Onbevracht zijn nog het Nederlands schip KOSMOPOLIET II en twee buitenlandse schepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 juli. Zr.Ms. transportschip met stoomvermogen JAVA, tijdelijk onder bevel van de luit.t.zee 1e klasse F.H.P. van Alphen, is in de namiddag van de 7e dezer van zijn reis uit Oost-Indië ter rede van Texel teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping van een vijftigste aandeel in het Nederlands clipperschip NOORD-BRABANT, varende onder boekhouderschap van de heren P. Rademakers & Co., te Delfshaven, groot 736 tonnen of 389 lasten en gevoerd door kapt. M. Rademakers. De veiling en voorlopige toewijzing zullen geschieden op vrijdag 19 juli 1867, des voormiddags ten elf ure en de afslag den volgende dag, des avonds ten acht ure, beiden in het logement De Visscherij te Schiedam; zijnde inmiddels nopens de koopvoorwaarden inlichting te bekomen ten kantore van de notaris Mr. K.A. Poortman aldaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 mei. De firma Dummler & Co. alhier werd onlangs op publieke veiling koopster van het op de Brouwersdroogte gestrande Engelse schip HOTSPUR, gelijk het daar was liggende of niet liggende. Het werd er niet liggende bevonden, doch blijkens een thans ontvangen telegram is het schip in vrij gave toestand drijvende gevonden aan de Zuidkust van Sumatra.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Makassar, 23 april. De 17e dezer verliet Zr.Ms. stoomschip RETEH, commandant de luitenant ter zee 1e klasse H. Schokker, deze rede, koers stellende naar Tontoli; terwijl hedenmorgen mede deze rede verliet Zr.Ms. stoomschip  LEEUWARDEN, commandant de kapt. luitenant ter zee W.C. Klis, met bestemming naar de bocht van Boni.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding van Sjouke de Jager, werkvrouw te Farmsum, voor Redmer Groenewold, buitenvaarder, van Farmsum:
-          Aangezien gedaagde als stuurman aan boord van het kofschip ANNECHIENA, kapt. Jan A. Donga, bestemd naar Frederikstad in Noorwegen tot het halen van een lading hout voor de heren Borst & Roggenkamp, houthandelaren te Delfzijl, de haven van Delfzijl is uitgezeild op 19 september 1862.
-          Aangezien volgens een schrijven van de kapitein op 3 oktober 1862 het schip op 4 oktober zou vertrekken en ook in zee is gestoken.
-          Aangezien van bedoeld schip en bemanning sedert die dag geen berichten meer zijn binnengekomen, dan dat volgens de Zeetijdingen, het wrak, dat in de maand november 1862, ondersteboven te Lysekil (in Zweden) was komen aandrijven is geweest het kofschip ANNECHIENA voornoemd, waarvan de lading, na gebleken indentiteit, door de eigenaren is gereclameerd, zonder dat van de bemanning enig bewijs van hun aanwezen of van overlijden is aangetoond en men dus een totaal vergaan van de gehele bemanning veronderstelde,
Van zijn in leven zijn te doen blijken (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bath, 4 juli. Hedennamiddag is het hier ter rede liggende tjalkschip VROUW JOHANNA, kapt. Staal, met haardas van Amsterdam naar Zeie (België) zo hevig door het Engelse stoomschip CLEOPATRA aangevaren, dat het als het ware middendoor werd gesneden en onmiddelijk is gezonken. De opvarenden bestaande uit de kapitein, diens vrouw en twee kinderen, benevens twee knechten, zijn gered. Men heeft ook nog iets van de inventaris geborgen.
Hetzelde stoomschip is ook tegen de tjalk de VROUW PETRONELLA, kapt. Voordewind, van Amsterdam met suiker naar Antwerpen bestemd, aangevaren, welke tjalk er echter met enige schade aan boegspriet en zeilen is afgekomen.


10 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 8 juli. Het Nederlandse schoenerschip MARGARETHA ARENDINA, kapt. De Jonge, van Bremen naar Archangel bestemd, is alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 31 mei. Het Nederlandse schip FRIESLAND, kapt. Sipkens, van Batavia naar Rotterdam bestemd, is de 26e dezer in de Algoabaai binnengelopen met verlies van het roer en verschansing.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen:
In de zaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 9 juli: het barkschip TOLLENS, kapt. Verhagen, groot 711 tonnen: in opbod NLG 27.500, in afslag om NLG 30.800, verkocht; een chronometer: om NLG 135 verkocht.
In de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 8 juli:
-          het kofschip GERHARDA HENDRIKA, gebouwd in 1861, kapt. D.W. Glim: NLG 2900, in slag NLG 200, koper P. Reineke (opm: een makelaar)
-          4/16e aandelen in het schoenerschip WILLEM VAN DER VOORT: NLG 1675, in slag NLG 125, koper W. Bakker Bzn.
-          1/16e aandelen in het idem: NLG 425, in slag NLG 100, koper C.S. Oolgaardt.
-          1/16e aandeel in het clipper-brikschip CORNELIA EN GEERTRUIDA: NLG 510, in slag NLG 150, koper idem
-          1/16e aandeel in het idem: NLG 525, in slag NLG 60, koper idem.
-          1/24e aandeel in het brikschip MEPPEL: NLG 435, in slag NLG 225, koper P. Reineke.
-          1/24e aandeel in het idem: NLG 500, in slag NLG 225, koper idem
-          1/24e aandeel in het idem: NLG 630, in slag NLG 200, koper idem
-          1/32e aandeel in het ijzeren clipperschip PROF. SURINGAR: NLG 350, in slag NLG 60, koper C.S. Oolgaardt.
-          1/32e aandeel in het idem: NLG 360, in slag NLG 70, koper G.J. Boelen.
-          1/32e aandeel in het idem: NLG 370, in slag NLG 80, koper idem.
-          1/32e aandeel in het idem: NLG 440, in slag NLG 50, koper idem.


11 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 10 juli. Het kofschip CORNELIA, kapt. Van der Velde, van Nantes naar Lübeck is alhier binnengesleept per sleepboot ZUID-HOLLAND, hebbende de 29e juni op 49°21’NB en 06°40’WL, de top van de fokkemast gebroken en zeilen verloren. Door zwaar stampen en stortzeeën is het bovenschip lek geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juli. Het Nederlandse schip OCEAAN, kapt. Van Slooten, de 20e mei te Buenos Aires van Paranagua gearriveerd, had zware storm doorgestaan en daarbij enige zeilen en rondhout verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 9 juli. Volgens telegrafisch bericht is het brikschip DAVID, kapt. Dibbin, van Poole naar Newfoundland bestemd, de 6e juli op 49° NB en 7° WL door het stoomschip HALLEY van Liverpool naar Montevideo bestemd, aangevaren en gezonken; de equipage en passagiers zijn gered en opgenomen door het Nederlandse barkschip GEBROEDERS VAN DER BEEK, kapt. K. Waling, van Batavia naar Rotterdam, hetwelk hen alhier aan land gebracht heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, ...juli. Het barkschip HERMANUS, kapt. Jansen, van Bordeaux in ballast naar Elseneur bestemd, is nabij deze haven verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 8 juli. Heden zijn alhier binnengelopen het Nederlandse tjalkschip CATHARINA RICARDI, kapt. Meijer, van Koningsbergen naar Wisbeach bestemd en het kofschip COOP ROELF SIKKENS, kapt. Schaap (opm: H.H. Schaaf), van Koningsbergen naar de Eems bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 juli. Het Nederlandse schoener-kofschip JANTINA, kapt. Lunenburg, heden van Liverpool alhier op de rede aangekomen, heeft geen orders op het postbureau gevonden en is derhalve volgens de charterparty naar Flensburg vertrokken. Alles wel aan boord.


12 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringköbing, 8 juli. Het schoenerschip WOPKEA, kapt. Keppel (opm: vermoedelijk buitenlander), geladen met tarwe, van Koningsbergen naar Leer bestemd, is alhier gestrand; de equipage is gered; men denkt de lading te kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 26 juni. Het schip JEANNETTE MARIANNE, kapt. Schram, naar St. Petersburg bestemd, is heden uit zee teruggekomen met verlies van de fokkemast en de grote steng.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. Zr.Ms. schroefstoomschip PRINSES MARIE, onder bevel van de kapt.luit.t.zee W.K. van Gennep, komende van Curaçao, is in de voormiddag van de 11e dezer ter rede van Hellevoetsluis geankerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een best snikschip, met complete inventaris, groot 11 ton. Te bevragen bij P.A. Korf te Heerenveen.


13 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 7 schepen, als:
Voor Rotterdam: NESTOR, kapt. J.C. Brandligt; ZUID-HOLLAND, kapt. J. Immerzeel.
Voor Amsterdam: JOSEPHINE BERNHARDINE, kapt. C. Willms; BELLATRIX, kapt. H.C. Haacke; BANTAM, kapt. J.P. Klaasen.
Voor Schiedam: SCHIEDAM, kapt. A. Kuijpers.
Voor Middelburg: SILENTIUM, kapt. J.A.N. Schagen van Leeuwen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.HZn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam, C.H. van Dam te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meesters op dinsdag de 6e augustus 1867, des middags ten 12 ure in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, nummer 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands driemast schoenerschip SINGAPORE, laatst gevoerd door kapt. J.P. Stoop, volgens meetbrief lang 34 el 30 duim, wijd 5 el 76 duim, hol 3 el 78 duim, en alzo groot 332 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Westerhaven binnen deze gemeente.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 juli. Het schip ZWAANTJE, kapt. Hollander, van Memel met rogge naar Emden is, volgens telegram uit Delfzijl van gisteren, in het Doekegat op de bakenwal aan de grond geraakt. Assistentie is derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 6 juli. Het Nederlandse schoenerschip ADRIANUS, kapt. Goudswaard, van Antwerpen het laatst van Scilly naar Montevideo bestemd, hetwelk alhier de 24e juni lek is binnengelopen, heeft de lading gelost.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 juli. Gisteren arriveerde hier het nieuw gebouwde schoenerschip CERES, kapt. P. Starke, van Blijham, groot 180 ton en gebouwd bij C. Maathuis, te Sappemeer.


  JB - Javabode

Advertentie. Bij besluit van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 10 juli 1867 no. 6 is aan Han Wie Thay, handelaar te Soerabaja, vergunning verleend tot het in de vaart houden van de raderstoompraauw SOENKIET, bestemd tot het vervoer van personen tussen Soerabaja en Grissee.


14 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 12 juli. Volgens telegrafisch bericht is het schip WOPKEA, kapt. Keppel (opm: vermoedelijk buitenlander, van Koningsbergen naar Leer bestemd, geladen met rogge, nabij Ryeköbing verongelukt. De equipage is gered, de lading is beschadigd.


15 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mawes, 11 juli. Het Nederlandse brigantijnschip VOORUIT, kapt. Van Wijk, van Rio Grande naar Amsterdam bestemd, is op het droge gehaald om de bodem van het schip schoon te maken.


16 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.HZn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meesters op dinsdag de 13e augustus 1867, des middags ten 12 ure in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1,  nummer 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlandse fregatschip CATHARINA JACOBA HENRIETTE, gevoerd door kapt. C.J. Tönjes, lang 47 el 30 duim, wijd 8 el 94 duim, hol 6 el 39 duim, en alzo groot 1201 tonnen of 634 lasten met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, geschut, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. Nog zal afzonderlijk worden geveild: een chronometer. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 15 juli. Heden is alhier gearriveerd het Nederlandse schip CATHARINA MARIA, kapt. N. Nolet q.q., van Batavia naar Middelburg bestemd, van Batavia vertrokken 26 februari. Kapt. T. Oomkens is op de hoogte van de linie (opm: evenaar) (opm: op 27 mei 1867; zie PGC 200767) overleden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 juli. Gister arriveerde alhier het nieuwgebouwde galjootschip LUDEWINA, kapt. G. Blaauw, van Groningen, groot 110 ton, gebouwd bij G. Bodewes te Martenshoek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding ten verzoeke van Grietje van den Boogaard, schipperse aan boord, vrouw van Harm Jager, voor Harm Jager, scheepskapitein, vroeger van Groningen,
-          Aangezie de gedaagde in het najaar van 1863 met zijn schip MAGRITHA ANTINA van Groningen is vertrokken met bestemming Londen, van Londen naar Dantzig en van deze plaats naar Harlingen en op deze laatste reis door storm is belopen, nog is binnen geweest te Arendal in Noorwegen.
-          Aangezien het door hem gevoerde schip van gezegde plaats is vertrokken en in de hevige storm van 3 december met man en muis is vergaan,
Te verschijnen om van zijn in leven zijn te doen blijken. (opm: bekort)


17 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 juli. Heden werd van de scheepstimmerwerf St. Joris van de heren De Jong, Kortlandt en Anthony alhier, met goed gevolg te water gelaten het door hen voor rekening van de heren van Charante & Co., mede alhier , gebouwde barkschip MINA, groot ongeveer 400 lasten, bestemd voor de grote vaart, zullende gevoerd worden door kapt. B.A.T. van Bruggen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 juli. Een inkomend kofschip zit op de Scheelhoek aan de grond; de naam is nog onbekend. Volgens loodsrapport komt het van Odessa en is het bestemd naar Rotterdam. Met assistentie van een visserschuit is er een anker uitgebracht.
Later bericht: De kof op Scheelhoek aan de grond is MARGARETHA ALEIDA, kapt. H.S. Duin, van Odessa naar Rotterdam. Een sleepboot is tot assistentie gezonden. Zo even zijn drie schuitjes rogge uit gemelde kof aangebracht. (opm: schip komt weer af; zie NRC 180767)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Glückstad, 13 juli. Heden is van hier na voleindigde reparatie naar Gorkum vertrokken het kofschip HELENA DE VRIES, kapt. Kort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 13 juli. Het Nederlandse schip VEENDAM, kapt. Pik, kwam heden van St. Petersburg alhier aan om order en dewijl het geen orders alhier vond, zal het naar Londen vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 13 juli. Heden namiddag ten een ure werd door de commissaris des konings de eerste steen gelegd aan de schutsluis in het grote afwaterings- en scheepvaartkanaal (opm: het Eemskanaal), waardoor Groningen met de haven van Delfzijl wordt verbonden.


  JB - Javabode

Advertentie. Bij besluit van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 13 juli 1867 no. 9 is aan A.H.J. Diemont, boekhouder van een te Padang gevestigde stoombootrederij, tot wederopzeggens vergunning verleend tot het in de vaart houden van het stoomscheepje ONDERNEMING, bestemd tot het vervoer van passagiers en goederen tussen Padang, Priaman en Painan (Sumatra’s westkust).


18 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 16 juli. Heden is alhier van de werf van de heren J. Otto & Zonen met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip SUSANNE, groot 10.000 centenaars of 250 lasten, gebouwd voor Duitse rekening.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 17 juli. Het kofschip MARGARETHA ALEIDA, kapt. Duin, van Odessa komende, op Scheelhoek aan de grond geraakt - gisteren gemeld - is na lichting en met assistentie in vlot water gebracht en op het Kanaal gekomen. Het schip is lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 juli. Heden is alhier gearriveerd het Nederlandse schoenerschip VOORUIT, kapt. Van Wijk, komende van Buenos Aires, laatst van Falmouth en bestemd naar Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 juli. Volgens telegrafisch bericht is het Belgische schoenerschip VIGILANT, kapt. Van der Steene, tussen de militaire haven en het fort De Ruiter op strand geraakt. Het is later vlot gekomen en naar Terneuzen opgezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 14 juli. Het Nederlandse galjootschip JOHANNA MARGARETHA, kapt. Ei, heden alhier van St. Petersburg aangekomen, heeft order bekomen naar Wick.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cadiz, 10 juli. Het schoenerschip RAPID, kapt. Brander (opm: mogelijk buitenlander), van Huelva naar Liverpool bestemd en geladen met erts, is de 8e dezer lek gesprongen en gezonken. De equipage is te San Lucar aangekomen.


20 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse barkentijnschip VREDE, kapt. Van Rijn, van Antwerpen naar Napels bestemd, te Dartmouth met overgeslagen lading binnengelopen. Het heeft zeer slecht weder in het Kanaal gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip MARIA ADRIANA, kapt. Itz, de 18e dezer van Sunderland naar Makassar vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 juli. Volgens brief uit Mauritius, d.d. 18 juni, was het Nederlandse schip DIANA, kapt. Teengs, van Batavia naar Rotterdam, aldaar lek binnengelopen. Het lost de lading en zal vermoedelijk moeten dokken.
De reparatiën aan het Nederlandse schip ONRUST, kapt. Weissenbruch, van Macao naar Havana, met schade aldaar binnengelopen, waren voltooid, waarvan de kosten $ 6.617,11 beliepen. Het had de 26e mei de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Zr.Ms. ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, onder bevel van de kapt.t.zee M.H. Jansen, is heden morgen uit Engeland ter rede van Texel aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontvang ik de voor mij hoogst smartelijke tijding, dat op 27 mei l.l, op de reis van Batavia naar het vaderland, overleden is mijn hartelijk geliefde echtgenoot Tonnis Oomkens, in leven gezagvoerder van het Nederlandse barkschip CATHARINA MARIA, in de ouderdom van bijna 47 jaren, mij uit een hoogst gelukkig huwelijk nalatende vier kinderen, nog te jong om hun verlies in al zijn zwaarte te beseffen.
Winschoten, 15 juli 1867, J. Edens, wed. T. Oomkens


  JB - Javabode

Advertentie. Op dinsdag de 25e juli 1867, zal op publieke vendutie te Soerabaja verkocht worden het aldaar ter rede liggende Nederlands-Indische barkschip SIRIUS, groot 218 gemeten lasten, met deszelfs tuig en inventaris.


  JB - Javabode

Bij besluit van de gouverneur-generaal van Nederlands-Indië, van 16 juli 1867, no. 9, is aan de Be Biauw Tjoean, woonachtig te Samarang, tot wederopzeggens vergunning verleend tot het opnieuw in de vaart brengen en houden van het stoomschip KEBON DALEM bestemd tot het vervoer van passagiers en goederen tussen Samarang en Batavia, met aandoening van tijd tot tijd van de tussenliggende havens en voorts tot het doen van enkele reizen met hetzelfde doel naar Soerabaja en Padang.


21 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop voor 10.000 Franks: een hecht, sterk en snelzeilend kofschip, genaamd MARIA LOUISE, groot 96 tonnen, liggende in het dok te Gent (België). Adres bij L. de Landtsheer, Fievéstraat aldaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan den IJssel, 18 juli. Heden is alhier van de werf van de heren J. Otto en Zonen, met goed gevolg te water gelaten een ijzeren paviljoen-kraakschip, groot 84 tonnen, gebouwd voor rekening van de stearinekaarsenfabriek Gouda te Gouda.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 18 juli. Het Nederlandse schip de VREDE, kapt. Van Rijn, van Antwerpen naar Napels bestemd, hetwelk alhier met overgeslagen lading is binnengelopen - bevorens gemeld - is nagezien en aanbevolen om een gedeelte van de lading te lossen.


22 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Volgens heden ontvangen bericht van Rio-Janeiro is aldaar de 13e juni binnengelopen met broeiing in de lading steenkolen de clipper met stoomvermogen ’s-GRAVENHAGE, kapt. Bok, van Rotterdam naar Batavia bestemd. Het schip heeft in 41 dagen de reis afgelegd. Passagiers en troepen waren welvarend en zal het oponthoud van korte duur zijn.


23 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 22 juli. Kapt. De Groot, hier gisteren gearriveerd, heeft de bemanning hier aangebracht van het Nederlandse kofschip JELTINA, kapt. Bloem, van hier naar Frederikstad bestemd, hebbende de 17e juli ll. hun schip op 56º NB, in zinkende staat moeten verlaten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding ten verzoeke van Pietertien Mees, echtgenote van de gedaagde Niklaas Smedes, van beroep scheepskapitein, doch thans afwezig,
-          Aangezien gedaagde in den jare 1861 zijn woonplaats heeft verlaten teneinde als kapitein het tjalkschip PIETERTIEN (opm: smak PIETERTJE) te voeren.
-          Aangezien hij aan boord als gezagvoerder van dat schip in het laatst van de maand oktober 1861 is vertrokken van Dantzig met een lading weit en bestemd naar Leer.
-          Aangezien gedaagde door storm gedwongen was Cuxhaven binnen te lopen en vandaar wederom op 11 november daar aanvolgend is vertrokken.
-          Aangezien van dat schip van de bemanning sindsdien van dat schip en bemanning enig taal of teken is vernomen, hetwelk onmogelijk is te achten, in aanmerking genomen de vaart van Cuxhaven op Leer, indien niet het schip met man en muis was vergaan,
-          Aangezien dan ook volgens ingekomen bericht het schip met zijn bemanning voor de Eems is gebleven,
te verschijnen om van zijn in leven zijn te doen blijken. (opm: bekort)


24 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juli. Aangaande het clipper-fregatschip met hulp-stoomvermogen ’s- GRAVENHAGE, kapt. Bok, van Rotterdam naar Batavia bestemd, vroeger gemeld als zijnde door broeiing van de steenkolen de 13e juni te Rio de Janeiro binnengelopen, vernemen wij nader, dat die broeiing ontstond doordien het schip water maakte. Men hoopte spoedig de reis te kunnen voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. De Nederlandse schepen DOLPHIJN, kapt. J.R. Hazewinkel, van Leith met steenkolen, en ELIZABETH GEERTRUIDA, kapt. H.C. Janknegt, van Middlesbrough met spoorstaven, beiden naar St. Petersburg, zijn volgens telegram uit Reval van gisteren, te Dagoe gestrand en totaal wrak geworden. Een gedeelte van de inventarissen is geborgen, de equipages zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. Het Nederlandse schip JOHANNES LODEWIJK, kapt. P. van Delft, de 4e mei te Melbourne gearriveerd - bevorens gemeld - had verschansingen verloren en veel water over gekregen, waardoor de lading merendeels beschadigd was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 21 juli. Heden is alhier aangekomen het schip MERCURIUS, kapt. De Groot, van Nerva, hebbende alhier aangebracht de equipage van het gezonken kofschip JELTINA, kapt. Bloem, benevens de vrouw en 2 kinderen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 23 juli. Hedenmorgen tussen 3 en 4 ure is voor Westkapelle gestrand het barkschip AUKATHOR, van Arendal, kapt. Lydia, komende van Finland, bestemd naar Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 23 juli. Volgens bericht van kapt. Botesz, voerende het schip ZEELANDIA, uit Melbourne, dato 27 mei, zou hij naar Sydney verzeilen tot het innemen van een lading kolen naar Batavia. Schip en lading waren in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, ... juli. Het Nederlandse schip GALILEÏ, kapt. Van der Mey, is de 22e juni in de Algoabaai binnengelopen met 3 voet water in het ruim. De schade was veroorzaakt doordien het met de boeg op een anker stootte. De lading wordt gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 21 luli. Het Nederlandse kofschip AGNES TEKELA, kapt. Holte, van Laurvig naar Delfzijl bestemd, is heden alhier binnengelopen.


25 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juli. Het Handelsblad meldt betreffende het gebeurde met de ’s- GRAVENHAGE het volgende:
Volgens een brief van een van de passagiers van het clipperschip met hulpstoomvermogen ’s-GRAVENHAGE, kapt. Bok, met 300 man troepen van Rotterdam naar Batavia bestemd, is genoemde bodem de 13e juni jl. te Rio de Janeiro lek met 4 à 4½ Rijnlandse voeten water binnengelopen. De troepen waren ontscheept en op een Braziliaans wachtschip overgegaan. Het schip zou dokken, hetwelk echter eerst de 10e juli kon plaats hebben.


26 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 juli. Het schip (opm: galjoot) BAREND, kapt. R.Y. Hoeksema, uit de Middellandse Zee komende, is te Cadiz binnengelopen, doch de 17e juli afgewezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juli. Volgens brief van de heer O.J. Truter sr., Nederlandse consul te Kaapstad, Kaap de Goede Hoop dd. 21 juni, was het Nederlandse schip GALILEÏ, kapt. Van der Mey, de 19e van die maand aldaar, na volbrachte reparatie, zeilklaar liggende in het buitenbassin; dat echter op de avond van die dag een zware orkaan is komen opsteken, waardoor een zware deining in het bassin ontstond, dat de GALILEÏ dientengevolge geweldig voor- en achteruit rukte, zodat niet slechts de trossen, maar ook de kettingen zijn gebroken, waarmee het schip voor en achter behoorlijk was vastgelegd, dat door tijdige toebrenging van een zwaar anker met tros van de wal en eveneens door assistentie van het Portugese oorlogsschip MARIA ANNA, de GALILEÏ voor grotere schade is gevrijwaard.
De dag daaropvolgende heeft een verklaring van het gebeurde voor de Nederlandse consul plaats gehad; voor goedmaking van de door dit ongeval veroorzaakte kosten was door de consul een wissel afgegeven op de rederij, groot NLG 1.919,36.
(opm: zie NRC 140867 200867 en 240867; het gebruik van zware cocos-rekkers in Kaapstad is noodzakelijk wanneer men aldaar op voor deining onbeschutte ligplaatsen ligt)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Berwick, 23 juli. Er heerste heden alhier in de rivier een zware stroom en de sleepboot TWEED, geraakte van de kaai op drift. Zij kwam in aanraking met de Nederlandse schepen ZWERVER en HELENA, liggende op de Carr Rock, brak de beide meertouwen van de beide schepen, brak vervolgens haar eigen mast en bekwam meer andere schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ancona, 19 juli. De 14e dezer is alhier om orders van Amsterdam aangekomen het Nederlandse brikschip ELIZABETH JOHANNA, kapt. Schenk, en heeft de 15e de reis voortgezet naar Sinagaglia om te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 juni. Er bevinden zich thans niet meer dan twee Nederlandse schepen aan de kust van Zuid Afrika. Het ene is het fregat GALILEÏ, dat na een verblijf van vier maanden thans op het punt van vertrek staat. Het tweede is het fregatschip FRIESLAND.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 juni. Langs de kusten, vooral in het oostelijk gedeelte, hebben vele zeerampen plaatsgevonden, echter zonder veel verlies van mensenlevens. Onder andere is het prachtige Nederlandse schip FRIESLAND, kapt. Sipkes, van Batavia naar Rotterdam, met een algemene lading, de vorige week in Algoabaai binnengelopen, met verlies van roer, verschansingen, enz., veroorzaakt door onstuimig weer langs de kust. Het vaartuig zal grote reparaties in die haven moeten ondergaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 25 juli. Zr.Ms. schroefstoomschip 3e klasse PRINSES MARIE is heden buiten dienst gesteld.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 24 juli. Zondag is alhier binnengekomen kapitein K. de Groot, kofschip MERCURIUS, medebrengende de opvarenden van het schip JALTINE (opm: waarschijnlijk de kof JELTINA, kapt. F.J. Bloem), van Pekel-A, waaronder ook de vrouw en kind van de kapitein. Laatstgenoemd schip was gezonken in de Noordzee. De equipage had zich in de boot gered en was door een Engels schip opgenomen, dat op zijn beurt de geredden overdroeg aan kapt. K. de Groot.


27 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 12 juli. Volgens een brief uit Batavia dd. 14 mei wordt bericht, dat de koper van het schip HOTSPUR, kapt. Bryant, van Manilla naar deze haven bestemd, hetwelk gerapporteerd was dat het de 13e april op Brouwers rif was verongelukt, op die dag een telegram uit Anjer had ontvangen dat het schip op de kust van Sumatra was gevonden met de masten, tuig en zeilen in goede staat. Een gouvernementsboot had het op sleeptouw genomen.


  JB - Javabode

Makassar, 15 juli. Donderdagnamiddag de 11e dezer, kwam Zr.Ms. stoomschip STAVOREN, commandant de luitenant ter zee 1e klasse Servatius, terug van een kruistocht om de noord. Door dit vaartuig werden aan de bevoegde autoriteit alhier overgegeven 10 personen, uitgeleverd door de sultan van Berouw, beschuldigd van moord en mensenroof. Nog bevond zich aan boord van dit stoomschip de equipage van de Nederlandse bark KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB, gezagvoerder J. Zwart, welk vaartuig met een lading steenkolen voor Toli-Toli, op de hoogte van die plaats aan de grond geraakt en gezonken was. Wij zijn in staat gesteld omtrent dit onheil nadere bijzonderheden mee te delen, zijnde ons ter plaatsing geworden de verklaring van het verongelukken van het barkschip KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB, gezagvoerder J. Zwart, afgelegd door gezagvoerder en stuurlieden.
De tweede juni 1867 des middags te 12 ure waren wij op 119º55’ OL en 01º01’ NB, stuurden NO met een flauwe koelte en tegen de avond NNO en noordelijker, hadden gedurende de nacht van de 2e op de 3e juni vreselijk zware stroomravelingen, komende van het WNW, NW en NNW; terwijl de wind zeer flauw, rondlopend en meest stil was, zodat het schip meestijds niet was te sturen. Met het aanbreken van de dag kregen wij weer een hevige stroomraveling, zelfs zó dat het water over de boeg buisde, terwijl de koelte steeds flauw bleef. Om 6 uur 15 minuten riep de man, welke op uitkijk was: “ik zie de grond !” De eerste stuurman op dat ogenblik juist aan dek gekomen zijnde ( terwijl het de wacht van de 2e was), om nog mede toe te zien wegens ongesteldheid van de kapitein, gaf onmiddellijk bevel: “op je roer! ” De koelte van het OZO en ZO steeds flauw en juist weer in een hevige stroomraveling zijnde, weigerde het schip aan het roer te gehoorzamen, zodat het een ogenblik daarna aan de grond geraakte, het land peilende als volgt: De hoek van Sodjolo ZZW½ W een weinig westelijker. De piek van Sodjolo Z¼O en de noordelijkste hoek van Sematan NO ten O¾O pc. De kapitein, die sedert enige dagen ongesteld was en met koortsen te bed lag, werd nu door de 1e stuurman gewaarschuwd en was dadelijk aan dek om de nodige bevelen te geven, ten einde het schip weer in vlot water te krijgen. Wij brasten onmiddellijk alle zeilen tegen, zetten de middelboot buiten boord; doch deze door lekkage niet in staat zijnde een werpanker uit te brengen, zetten wij ook de grote boot uit, brachten het tuianker, waar de zwaarste tros opgestoken was, om de WNW uit en lieten het daar vallen; doch daar het middelerwijl stil geworden en het water vallende was, geiden wij alle zeilen op. Om ook door een opkomende bui van het NW niet verder tegen het rif te geraken, zetten wij de tros van het werp goed stijf en deden toen enige noodschoten, doch zonder gevolg, waarna wij ons allen aan de pompen begaven, om het schip zoveel mogelijk lens te houden. Wij peilden om 7 uur 9 duim water in het schip. In weerwil van ons pompen steeg het daarin meer en meer en om 4 ure ’s middags was het tot elf voet gerezen. Met laag water loodden wij vooruit 1½ vadem, in de midscheeps 2 vadem en achter 7 vadem; terwijl er een weinig verder achteruit geen grond te loden was. Gedurende de dag ondervonden wij zware stroomravelingen, en hadden aanhoudend regen tot ’s namiddags 4 ure. Alstoen was de wind afnemend tot stilte en de lucht afklarende. Tegen 4 ure 30 minuten flauwe koelte van het ZO komende en tegen 5 ure hoog water beginnende te worden zetten wij alle zeilen bij, ze bak houdende en begonnen toen op de tros met het pompspil te hieuwen om zo doende vlot te geraken. Wij zagen wel een op- en neergaande beweging van het schip en voelden het stoten; maar konden niet bespeuren dat het achteruit ging, zodat eindelijk de tros brak, het vaartuig zich meer en meer in de stenen werkte en ook het achterschip aan de grond geraakte. Met het vallen van het water viel het schip op zijde over bakboord. Daar het over die zijde diep water was, verwachtten wij dat het over die zijde geheel zou omkantelen, waarom wij ons omstreeks 9 ure in de avond van de 3e juni in de boten begaven, die aan stuurboord gebracht waren. Wij namen twee ¼ leggers water mee, een zak volksbeschuit, ieder enige kledingstukken en bleven toen aan stuurboord van het schip liggen. Doch het schip meer en meer overhellende, achtten wij het omstreeks 10 ure raadzaam een weinig daarvan af te roeien. Wij bleven evenwel in de nabijheid daarvan en tegen het aanbreken van de dag begaven de kapitein, stuurlieden en enigen van de equipage zich weer aan boord, daar het vaartuig weer recht gekomen was. Wij bespeurden toen dat het zeer diep gezonken en het logies en kabelgat reeds vol water was. Wij namen toen nog bootsmastjes, enige lijnen en een Nederlandse vlag mee. Het schip nu volgens aller oordeel niet meer te redden zijnde, roeiden wij weer daarvan af, zetten onze zeiltjes bij en stuurden om de oost, het peilcompas met kaarten bij ons hebbende. Een kwartier uur, nadat wij het schip verlaten hadden, zagen wij dat het voorschip eerst onder water ging en het vaartuig recht over eind in de diepte verdween. Een paar minuten later zagen wij niets anders dan een paar spieren, die boven kwamen en enige drijvende voorwerpen. Wij stelden koers naar Toli-Toli. De giek, welke niet boven water te houden was door lekkage, lieten wij op zee los en wegdrijven en aanhoudend moesten twee man met putsen scheppen om ons leven in de overige boten te redden; zodat hetgeen nog bij ons in de boten was, nat werd en wij bij afwisseling met aanhoudend natte voeten met stilte in de brandende zon of in regen en wind zaten. In de nacht van de 4e op de 5e geraakten de twee boten van elkander; doch zij kwamen gelukkig weer met de dag in het gezicht van en bij elkaar. Wij stelden toen onze koers weer naar Toli-Toli, nu zeilende dan roeiende voort; zodat wij eindelijk de 5e juni des avonds ten 5 ure 30 minuten na twee maal vierentwintig uren in de boten doorgebracht en veel rampen en ongemakken te verduren gehad te hebben, te Toli-Toli (opm: positie 01º 02 NB en 120º 49’ OL; Celebes = Sulawesi) bij het kolenhoofd landden. Wij werden aldaar door de heer L.A. Platt, posthouder van genoemde plaats, beleefd, vriendelijk en gastvrij opgenomen en verzorgd. De toestand van de equipage was bij aankomst naar omstandigheid wel. De kapitein en kok waren nog koortsig en de matroos Akkeman lijdende aan dysenterie; doch de overige manschappen allen gezond.
Toli-Toli, de 7e juni 1867. J. Zwart, gezagvoerder. A. Huizen, 1e stuurman. D.W.G. Berton, 2e stuurman. M.A. Wijnberg, 3e stuurman.


28 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juni. Te Singapore werd grote ontsteltenis veroorzaakt door de aankomst van het schip JEANNE MEIJER aldaar van Mauritius, waar, gelijk wij vroeger mededeelden, een hevige koorts-epidemie heerst. Gedurende de overtocht waren aan boord van de JEANNE MEIJER 6 man overleden en 31 ziek geworden, naar men meende aan dezelfde ziekte als die te Mauritius heersende is en waarvan men nu vreesde dat zij ook te Singapore uitbreken zou. Een geneeskundig onderzoek schijnt echter het resultaat te hebben opgeleverd dat de ziekte aan boord van de JEANNE MEIJER niet de epidemische koorts van Mauritius, maar de beriberi geweest is. Het schip is daarop in de haven toegelaten en de zieken zijn ter verpleging aan de wal gebracht.


30 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juli. Z.M. heeft bewilliging verleend op het ontwerp der acte van oprichting der naamloze vennootschap de Scheepstimmerwerf De Lastdrager, te vestigen te Nieuwediep, gemeente Helder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. Het Nederlandse schip FRIESLAND, kapt. Sipkes, van Akyab naar Falmouth, de 25e mei te Port Elisabeth binnengelopen - bevorens gemeld - had het roer, rondhouten, zeilen, een anker en 15 vadem ketting verloren, doch was dicht gebleven. Het heeft na van een en ander voorzien te zijn geworden de 17e juni de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Voor goederen en passagiers naar Soerabaija, direct, met vrijheid Batavia aan te doen, het nieuwe, bijzonder op zeilage gebouwd clipperschip MINA, kapt. B.A.T. van Bruggen, uitstekend ingericht voor passagiers, voorzien van ruime familiehutten enz. Adres bij de heren reders Van Charante & Co en bij de cargadoors Kuyper Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuijzen. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam, C.H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meesters, op dinsdag de 20e augustus 1867, des middags ten 12 ure in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, nummer 499, publiek verkopen:
-          Het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip JACOBUS MARTINUS, gevoerd door kapt. F. Meppelder, lang 34 el 60 duim, wijd 5 el 92 duim, hol 4 el 30 duim, en alzo groot 391 tonnen of 207 lasten, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, geschut, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende te Schiedam.
-          Het extra snelzeilend gezinkte Vlaardingse hoekerschip MARIA JOHANNA, laatst gevoerd door kapt. S. van Gelderen, groot 94 tonnen of 50 lasten, met als deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen en verdere inventaris zoals hetzelve thans is liggende te Vlaardingen.
Nadere informaties bij bovengemelde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 26 juli. De schepen ZWERVER, kapt. Hagedoorn, van Rio Grande, en HELENA, kapt. Smith, van Papenburg te Berwick aangekomen zijn op 23 juli door aandrijving van een stoomsleper driftig geraakt. (opm: zie ook NRC 260767)


31 juli 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 juli. Het Nederlandse schip (opm: brik) SOLIDE, kapt. L. den Breems, van Nagasaki herwaarts, is, volgens brief uit Amoy, dd. 2 juni, op een rots, bezuiden Formosa (opm: Taiwan) gestrand, wrak geworden en door de Chinezen geplunderd. De equipage, uitgezonderd één man, die verdronken is, is gered en te Amoy aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 29 juli. Het Nederlandse kofschip DOMINA GEERTINA, kapt. Wolters, van St. Petersburg naar Groningen bestemd en het Nederlandse schoenerschip CONCORDIA, kapt. Van der Meijden, van St. Petersburg naar Harlingen bestemd en geladen met rogge, zijn alhier in de haven gekomen. Het laatstgenoemde schip met verlies van de kluiverboom, met slagzijde en meer andere schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vardoe (opm: Varde), 25 juli. Het Nederlandse kofschip RENSKE, kapt. Pot, van Riga naar Delfzijl bestemd en geladen met hout, is zondagavond, 7 mijlen van het land af (opm: ongeveer 8 mijl beNW Blåvandshuk), in zinkende staat verlaten geworden. De equipage is maandag voormiddag met hun scheepsboot buiten Kjergaard (opm: Kærgård; positie 55º 41’ NB en 08º 09’ OL) aan wal gekomen.


01 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 30 juli. Volgens telegrafisch bericht is het schip NOOIT GEDACHT, kapt. Collmann (opm: mogelijk buitenlander), van Grimstad naar Oldenburg bestemd en geladen met hout, gisteren bij Agger gestrand. Het schip is gestrand, de equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Valparaiso, 15 juni. Het Nederlandse schip ZOUTKAMP, kapt. Van der Werf, hetwelk alhier de 1e juni uit zee is teruggekomen - bevorens gemeld - was lek en had sparren, tuig, enz. verloren. Het is bezig met lossen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 31 juli. Gister arriveerde alhier het nieuw gebouwde kofschip MARTJE BOSWIJK, kapt. P.H. de Jonge, van Nieuwe Pekela, groot 70 ton, gebouwd bij J.K. Mulder te Sappemeer, en heden het nieuw gebouwde brikschip WERELDBURGER, kapt. K. te Velde, van Kiel-Windeweer, groot 220 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het best onderhouden 1ste klasse kofschip GERHARDA HENDERICA, groot 50 last, in 1861 nieuw uitgehaald, liggend te Groningen, te bevragen bij W. Kramer, Pelstergasthuis aldaar, en te Sappemeer, bij de scheepsbouwmeester J.Berg Jr.


02 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 augustus. Kapt. Albrahamsen, van Osterrisoer in Texel binnen, rapporteert de 29e juli, noord ten westen van Terschelling, opgenomen te hebben de equipage, benevens de vrouw van de kapitein en twee kinderen, van het in de Noordzee gezonken Engelse schip EXERTION, kapt. Elder, van Dordrecht naar Findhorn (opm: Schotland) bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Valparaiso, 11 juni. Het schip SYMPATHIE, kapt. Bakema, van Bordeaux naar San José de Guatemala, is binnengelopen met verlies van zeilen en andere schade, hebbende bij de Plata-rivier en bij Kaap Hoorn hevige stormen doorgestaan. Men had twee kisten vitriool over boord geworpen en het schip moest gedeeltelijk lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 augustus. In de namiddag van de eerste dezer is Zr.Ms. instructievaartuig URANIA, in aanbouw op ’s Rijks werf te Amsterdam, met goed gevolg te water gelaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. ’s Rijks stoomschip RETEH, luit. Schokker, op de kust van Borneo gestrand, is de 1e juni afgebracht en zou naar Soerabaija verzeilen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een nieuw schip, groot ongeveer 30 ton, en een best bevaren schip, groot 34 ton, benevens een roefschuitje, groot 16 ton. Te bevragen bij J. de Jong, scheepstimmerman op het Vliet te Leeuwarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.A. Land te Franeker zal op maandag den 5 augustus 1867, des namiddags 3 uur, ten huize van de logementhouder Pol te Franeker, provisioneel en 8 dagen daarna, finaal verkopen:
- Een hektjalkschip, genaamd HIEKE, met grootzeil, enige fokken en alles wat tot een complete inventaris behoort, liggende tegenover de Tuinen in de Stadsgracht te Franeker, bevaren geweest door wijlen J. Janzen.
- De gerechte helft in een snikveerschip, groot 10 ton, met staand en lopend want en verder toebehoren, varende in het veer van Franeker op Bolsward v.v., benevens de helft in dat veer, eigen aan Tjerk Boersma.


03 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 30 juli. Alhier is binnengelopen het schip PETINA, kapt. Groenewold, van Stettin naar Amsterdam, met verlies van anker en ketting en met andere schade.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 2 augustus. Heden arriveerde hier het nieuw gebouwde schoenerbrikschip CATHARINA, kapt. E. Mulder, van Veendam, groot 220 ton, gebouwd bij J. Meihuizen & Zn. te Wildervank.


04 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus. Uit Hamburg vernemen wij dat zich aldaar een maatschappij onder de benaming Germanischer Lloyd geconstitueerd heeft tot classificatie van zeeschepen. De maatschappij heeft voorlopig alleen Duitse schepen op het oog, hoewel zij met de tijd, volgens haar statuten, ook een meer internationale werkkring kan aannemen. Deze maatschappij wordt in de zeesteden met zeer veel sympathie begroet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 3 augustus. Op het etablissement Fop Smit, scheepsbouwmeesters L. Smit & Zoon, werd heden de kiel gelegd van een ijzeren stoomboot, genaamd ZEELAND, bestemd tot het slepen van schepen op rivieren en stromen in de provincies Zuidholland en Zeeland, voor rekening van de heren L. Smit & Co.


05 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden stukken. Slapen de kamers van koophandel en fabrieken te Rotterdam, Dordrecht, Schiedam en Zierikzee? In november 1866 is in het Brouwershavense gat gezonken het schip ELISABETH. Het schip zit in het vaarwater en is weliswaar beboeid, maar ’s avonds bij donker, mistig weer enzovoort, is het gevaarlijk en kan het zeer gemakkelijk gebeuren dat een binnenkomend schip daarop stoot en schade krijgt. Tweemaal is door de ambtenaren van de waterstaat getracht het opruimen van dat schip te besteden, maar tweemalen is het niet gegund; de eerste maal omdat er geen inschrijver was en de tweede maal, omdat de aannemingssom te hoog was. De reden hiervan is, dat het bestek te veel risico voor de aannemer liet. Het schip zit op een plaats dat alleen bij stil weer gedurende enkele dagen van het zomerseizoen kan beproefd worden, om het op te ruimen; slaat men niet spoedig handen aan het werk, dan is zulks deze zomer onmogelijk. Het geheel weg te ruimen is zeer moeilijk, maar het is mogelijk om er de masten, een gedeelte van het bovendek, enz. van af te hakken, zodat het schip weinig of geen gevaar voor de scheepvaart aanbiedt. Wij hopen dat spoedig en krachtig bij de regering zal aangedrongen worden om niet langer al overwegende het goede werkseizoen te laten voorbijgaan, maar handen aan het werk te slaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 29 juli. Het bij Agger gestrande tjalkschip NOOIT GEDACHT, kapt. Callmann (opm: mogelijk buitenlander), van Grimstad naar Oldenburg bestemd en geladen met hout, is vermoedelijk wrak geworden. Men hoopt de lading te kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Varde, 30 juli. Het kofschip GRETINA, kapt. Erfeling (opm: mogelijk buitenlander), van Noorwegen naar de Wezer  bestemd en geladen met hout, is zondagavond niet ver van hier af gestrand. Het schip is vol water; echter heeft men hoop om het te kunnen afbrengen. Een gedeelte van de lading en van de inventaris is geborgen; de equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Schroefstoomboot. Enige aandeelhouders in de nagenoeg nieuwe schroefstoomboot, een jaar gevaren hebbende tussen Doesburg en ’s- Gravenhage, groot 80 gemeten ton of 40 last, lang 18 el 52 duim, met een wijdte van 3 el 60 duim en holte van 1 el 30 duim, alles Nederlandse maat, met opgoed en toebehoren, maken bekend, dat genoemde schroefboot op de 8e augustus 1867 ten 10 ure te Zutphen ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank aan de meestbiedende of hoogstmijndende verkocht zal worden. De boot is liggende te Doesburg in de haven en gebouwd op de werf van de heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel te Amsterdam.


07 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 6 augustus: het driemast schoenerschip SINGAPORE, groot 332 tonnen: om NLG 6.500 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 2 augustus. Het barkschip CONCORDIA, kapt.Schilling, van Stockholm naar Oost-Indië bestemd en geladen met ijzer, is gisterenavond op deze rede binnengelopen, zijnde door aanvaring van een schip in de Oostzee zwaar beschadigd; de experts hebben bekend gemaakt dat het schip in de haven moet komen en de lading moet lossen om te kunnen repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ystad, 3 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip (opm: galjoot) JANTJE TUINEMA, kapt. S. Sikkens, van St. Petersburg met lijnzaad naar Leith bestemd, verongelukt. (opm: zie NRC 080867)


  JB - Javabode

Advertentie. Publieke verkoop. Op dinsdag de 13e augustus a.s. zal te Soerabaja worden geveild het Nederlands barkschip H. LIDUINA, groot 246 gemeten lasten, met tuig en een stel zeilen, in één koop. En daarna afzonderlijk de inventaris en provisiën aan de wal liggende.
E. ten Brink & Co.


  JB - Javabode

De 7e augustus arriveerde te Batavia het Nederlands-Indisch stoomschip VICE-ADMIRAAL FABIUS, kapt. Jansen, van Singapore, alwaar het de 2e augustus vertrokken was. (opm: eerste reis van dit op 16 juli in openbare veiling te Singapore door Besier & Jonkheym gekochte stoomschip, ex-Engels BINTANG, zie advertentie JB 150667. Het schip was genoemd naar de commandant der Marine in Nederlands-Indie, schout-bij-nacht G. Fabius, die echter op 18 juni 1867 tot vice-admiraal was bevorderd. De VICE-ADMIRAAL FABIUS vertrok op 21 augustus op de eerste commerciële reis van Batavia naar Soerabaja)


08 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mawes, 5 augustus. Het Nederlandse galjootschip BRITANIA, kapt. D.H.G. Valk, van Smyrna alhier aangekomen en een ander Nederlands galjootschip, zijn op het droge gehaald om de bodem van het schip schoon te maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ronne, 2 augustus. Het Veendammer smakschip ROELFINA, kapt. Prins, van Kopenhagen naar Dantzig bestemd, geladen met oud ijzer, is enige dagen geleden zeer lek te Allinge binnengelopen. Het schip is zeer oud en zal waarschijnlijk verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rønne, 2 augustus. De equipage van het schip (opm: galjoot) JANTJE TUINEMA, kapt. S. Sikkens, van St. Petersburg naar Leith bestemd, hetwelk de 23e juli nabij Reval (opm: Tallinn) is verongelukt - bevorens gemeld - is alhier aangeland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Montevideo, ... juni. Het Nederlandse schoenerschip HERMAN ALBERT, kapt. D.W. Klemminga voor kapt. Potjewijd, van Fray Bentos naar Falmouth bestemd, is op omstreeks 150 mijlen afstand van deze haven (opm: rond de 100 vdm lijn) verongelukt. De equipage en de weduwe van de kapitein zijn door een Oostenrijks schip, hetwelk van Bordeaux naar Buenos Aires bestemd was, gered. (opm: kapt. Teunis Geerts Potjewijd was op 28 februari 1867 te Fray Bentos overleden en vervangen door kapt. D.W. Klemminga)


09 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan de IJssel, 7 augustus. Heden is alhier met het beste gevolg te water gelaten van de werf De Hoop, van de scheepsbouwmeester C. van der Giessen, een ijzeren Rijnschip, groot zevenduizend centenaars of 175 lasten, gebouwd voor een Duitse maatschappij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Makasser, 20 mei. De 1e dezer kwam Zr.Ms. stoomschip STAVOREN, commandant de luitenant ter zee 1e klasse Servatius, ter rede terug van het eiland Derawan. Door dit stoomschip is de tijding aangebracht dat de RETEH, die op genoemd eiland aan lager wal was geraakt, ten gevolge van de ontvangen assistentie weer vlot is geworden; dat de bekomen schade zo goed mogelijk is hersteld en deze oorlogsbodem, vergezeld van Zr.Ms. stoomschip LEEUWARDEN, binnen 5 à 6 dagen weer terug verwacht wordt. Nopens de wederwaardigheden van de RETEH, nabij het eiland Derawan, verneemt men nu het volgende: De commandant, na de gehele voormiddag bij Poeloe-Maratoea gestoomd te hebben, om meerdere bekendheid van dit onbekende eiland te verkrijgen, stelde verder koers naar Poeloe-Derawan om aldaar met de avond te ankeren. Door donkere lucht en stroom geraakte het schip ongelukkerwijze vast op het rif van genoemd eiland. Het schip viel op stuurboordszijde tegen een steen, die een lek van een el in het vierkant, een el van de kiel, in het schip maakte. Het was nu vooral, dat het beleid, de moed en zeemanschap van de commandant op een zware proef werden gesteld, want het schip lag geheel overzijde en was tot in de hutten van de officieren vol water. Al het mogelijke werd beproefd om het weer vlot te krijgen, doch te vergeefs en al mocht dit ook gelukt zijn, zo zou het stoppen van het lek toch steeds groot bezwaar opgeleverd hebben. De commandant roemt hierbij ten zeerste de krachtdadige hulp in deze nood ondervonden van de heren Lingard en Van Hartrop, twee aldaar handeldrijvende gezagvoerders en niet het minst die van de sultan van Goenoeng Tabor, die al aanstonds ongeveer 500 man ter dispositie stelde, onder welke een duiker, een beleidvol man, die het zonder toestel ongeveer 10 minuten onder water uithield en aan wie ook de aanvankelijke redding van het vaartuig voor een groot deel moet toegeschreven worden. Deze man, die er met zijn hoofd borg voor moest staan dat het lek gestopt werd, gelukte het werkelijk een voldoend aantal planken daartegen aan te brengen om het vaartuig voor verder indringen van het water te bewaren. Na enorme inspanning kreeg men nu het vaartuig van tussen de klippen en besloot de commandant een veilige ligplaats te gaan zoeken in de Berouw-rivier, zodat het vaartuig aldaar behouden geankerd lag toen de STAVOREN en LEEUWARDEN ter assistentie kwamen opdagen. Zonder de ervaren en ijzeren wilskracht van de heer Schokker ware het vaartuig vrij zeker verloren gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Makasser, 20 mei. Gepasseerde donderdag, de 17e dezer, in de vooravond retourneerde alhier, laatstelijk komende van Bonthain, Zr.Ms. stoomschip LEEUWARDEN, commandant de kapt. luitenant ter zee W.C. Klis. Na het innemen van de nodige steenkolen en victualie vertrok dit vaartuig weer de 19e daaraanvolgende in de vroege morgen, koers stellende naar het eiland Derawan, ten einde de nodige assistentie te verlenen aan Zr.Ms. stoomschip RETEH.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 juni. Vrachten bleven gesouteneerd door de weinige arrivementen. De voorraad van producten ter afscheep is onbeduidend en er zal  nog wel enige tijd verlopen alvorens veel uit de nieuwe oogsten bijkomt. Bij het sluiten van de laatste mail werden opgenomen: te Soerabaja Nederlands HENRIETTE MARIA naar Amsterdam à GBP 3.17/6 voor een gemengde lading, op verschillende plaatsen in te nemen; te Samarang Nederlands PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL naar Rotterdam à NLG 82,50 voor suiker, NLG 80 voor koffie, NLG 75 voor tabak, NLG 95 voor indigo en huiden. Later werd alhier Nederlands DORDRECHT insgelijks naar Rotterdam à NLG 20 voor tin, NLG 80 voor koffie, NLG 95 voor huiden en thee, NLG 97,50 voor gom damar opgenomen.
De volgende Nederlandse schepen, welke echter pas gearriveerd en nog lossende zijn, hebben nog geen destinatie: PIETER ADOLF, JAVA, INDIA, STAD DOCKUM, ALDEBARAN, en BURGEMEESTER HOFFMAN.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Van het Nederlandse schip (opm: 3/m) MINISTER PAHUD, kapt. E. Lipjes, de 1e januari van Batavia naar Nederland vertrokken, heeft men sinds die tijd niets meer gehoord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 8 augustus. Het schoenerschip VOLHARDING, kapt. Pander, is de 25e mei op de Calabar-rivier aangekomen. De matroos F.C.H. Köbke was aldaar de 21e juni overleden. Overigens alles wel aan boord en het schip in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 8 augustus. Volgens bericht uit Montevideo in dato 20 juni lag het kofschip DE ZWAAN, kapt. Riedijk, beladen en gereed om de volgende dag te vertrekken naar Falmouth om orders. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mawes, 6 augustus. Het Nederlandse schip (opm: kof) MEJUFVROUW PETRONELLA KNIJPINGA, kapt. H.H.L. Klöfkorn, van Saloniki alhier om orders aangekomen, is op de sleephelling gehaald.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. van der Plaats te Leeuwarden zal op donderdag den 15 augustus 1867, des namiddags 6 uur, ten huize van de kastelein Nijdam, op de Koemarkt aldaar, provisioneel verkopen een overdekte gewegerd hektjalkschip, genaamd de VROUW MARIA, groot 57 ton, in 1855 nieuw gebouwd, met zeil, treil en verdere scheepsinventaris; thans bevaren wordende door Johs. Nijdam, dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden, liggende op de verkoopdag ter bezichtiging in de Stadsgracht bij het voormalige Verlaat.
(opm. LC 100967 meldt dat is geboden NLG 1750.)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een overdekte praam, met zeil en treil, groot 10 ton. Te bevragen bij J.T. Aukema te Terzool.


10 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Naar aanleiding van Zr.Ms. besluit van de 8e dezer, nummer 77, wordt het raderstoomschip SUMATRA, liggende te Hellevoetsluis, met de eerste september aanstaande in dienst gesteld, met bestemming naar Oost-Indië en het bevel daarover opgedragen aan de luitenant ter zee 1e klasse A. Dronkers.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 9 augustus. Het Nederlandse schip KINDERDIJK, kapt. Verdoes, de 26e juni l.l. van Cardiff te Batavia gearriveerd, heeft aan de Kaap de Goede Hoop zwaar stormweer doorgestaan, waarin de gehele stuurboords-verschansing, rondhuis, stuurrad, kajuitslantaarn en kippenhokken enz. verloren gingen. De man aan het roer brak daarbij het been, terwijl een andere schepeling zwaar gekneusd werd. Het schip was goed dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 augustus. Volgens brief van kapt. De Roever voerende het Nederlandse schip CORNELIA ADOLPHINA, de 7e mei te Batavia gearriveerd, was de lading zonder enige zeeschade ontlost. Echter was een praauw, beladen met 54 kisten manufacturen, naar de wal gaande, op de rivier gezonken en totaal verloren gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 augustus. Volgens brief van kapt. Jaski, voerende het schip PIETER ADOLF, d.d. Batavia 15 juni, had hij de 20e mei een hevige orkaan, die 8 uren aanhield, doorgestaan, waarbij de kerkdeuren ingeslagen werden en veel water in kerk en kajuit binnendrong en lichte schade aan de lading is veroorzaakt. Het schip had zich intussen uitmuntend gehouden, er was niets gebroken of verloren gegaan dan het vastgemaakte groot boven- bramzeil, wat tot rag is gewaaid. De equipage was welvarende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het kopervast Russisch barkschip WLADIMIR, 230 roggelasten, 5/6 G.l.l., bij Veritas, liggende alhier. Adres bij P.A. van Es & Co., cargadoors.


  JB - Javabode

Nederlands-Indië. Batavia. Blijkens een onder de advertenties opgenomen mededeling is door het plaatselijk bestuur de staking gelast van de dienst van de stomers TJILIWONG en TJILARUM, die door het Bataviaasch Praauwenveer gebezigd worden om de postpakketten en passagiers van de mal en andere stoomboten af te halen. Dat door deze last het reizend publiek ten zeerste bezwaard wordt, behoeft geen betoog en het is daarom dan ook dat wij ons geïnformeerd hebben waaraan die hinderlijke last te danken is. Bij onderzoek is ons gebleken, dat dd. 12 december 1866 (Staatsblad 146) een ordonnantie is uitgevaardigd, waarbij is voorgeschreven, dat alle stoomschepen tot een geregelde dienst binnen Nederlands-Indië bestemd, alvorens in de vaart te worden gebracht, daartoe (afgescheiden van de veiligheidsmaatregelen) vergunning moeten bekomen van de gouverneur generaal, terwijl bij diezelfde ordonnantie is bepaald, dat zodanige stoomboten, die reeds in de vaart zijn, die vergunning alsnog moeten vragen; binnen 6 maanden na datum van de ordonnantie, (dat is voor 12 juni jl.) bij gebreke waarvan zij de dienst zullen moeten staken. Het Bataafse Praauwenveer, dat voor de dienst van de opgemelde stomers in contract stond met het gouvernement heeft oorspronkelijk gemeend dat voor die stoomboten de vergunning per se reeds bestond en dus niet nader behoefde te worden gevraagd, doch heeft later en wel 25 juni j.l. op raad van zijn praktizijn de voorgeschreven vergunning aangevraagd. Hangende dit rekwest, dat onzes inziens reeds lang had behoren te zijn afgedaan, heeft het veer de bovenvermelde last tot staking ontvangen. Ofschoon onzes inziens de Maatschappij niet volkomen en règle was, daar, naar wij vernemen verschil bestaat tussen de Regering als vertegenwoordigende in de lande, die als civiele partij contracteert en de Regering die als politiek gezag wettelijke voorschriften uitvaardigt, zo was toch haar opvatting voor een niet rechtsgeleerd lichaam zeer verschoonbaar en had zij bovendien later, beter ingelicht, als nog aan haar verplichting tot aanvraag voldaan. In hoeverre er dus onder die omstandigheden voor het plaatselijk bestuur, dat per se van de aanvraag tot concessie gesaisiseerd was, ja wellicht door die aanvraag voor het eerst van de onregelmatigheid kennis nam, termen bestonden om thans plotseling tot een zo krasse maatregel, hangende het rekwest en nadat de stakingstermijn toch reeds lang overschreden was, over te gaan, in het midden latende, zo blijkt al weer uit de daaruit voor het publiek ontstane bemoeilijking welk inconveniënt er in de vertraagde afdoening is gelegen van rekwesten, waarop, uit hun aard, een spoedige beschikking vereist wordt en in casu, waar de zaak als het ware vanzelf sprak, binnen 24 uren had kunnen verkregen zijn.


11 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed, in de ouderdom van 81 jaren, onze geliefde vader en behuwd vader, de heer Hans Friedrich Klie, in leven rustend kapitein ter koopvaardij.
Rotterdam, 9 augustus 1867. Uit aller naam, J. Berg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Marine. Openbare verkoping bij opbod, aan ’s rijks werf te Vlissingen, op woensdag den 21e augustus 1867, des voormiddags ten 10 ure, van: het voor ’s rijks dienst afgekeurde fregat DE SAMBRE, liggende in het maritieme dok aldaar. Volgens de voorwaarden, ter lezing liggende bij het departement van marine te ’s-Gravenhage, ter griffie van voorschreven werf, mitsgaders ten burele van de eerstaanwezende ingenieur van de marine te dier plaatse, bij wie tevens alle verdere inlichtingen kunnen verkregen worden. Het schip ligt ter bezichtiging zes werkdagen vóór en op de verkoopdag, mits voorzien van een ter opgemelde griffie verkrijgbaar permissiebillet.
Vlissingen, de 8e augustus 1867. De kapitein ter zee, tijdelijk directeur en commandant der marine. A.F. Siedenburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 augustus. Volgens particulier bericht is het schip EUROPA, kapt. Lupcke, de 19e juni van Cardiff te Soerabaja gearriveerd; het had in de nacht van 20 op 21 mei een zware storm uit het noordwesten doorgestaan, vergezeld van een woedende zee. Het schip had zich onder deze omstandigheden goed gehouden en bekwam geen noemenswaardige schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 augustus. Volgens brief van kapt. Bakker Wzn., voerende het Nederlandse schip MARIA ADOLFINA, dd. 17 juni, bevond hij zich toen op 07º 30’ NB en 23º 40’ WL in goede staat zeilende. Na zijn vertrek uit Cardiff had hij gedurende 7 dagen hevige stormen doorgestaan, waarbij het schip hevig stampte, de kluiverboom gebroken en de beide rakken van de onder-marszeils-ra’s geknakt waren. Een en ander was bij het afzenden van de brief hersteld en enige kolen uit het ruim naar het tussendek verwerkt omdat het schip te zwaar werkte.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 augustus. Het Nederlandse schip TWEELINGEN, kapt. Bruijns, van Cardiff te Batavia aangekomen - bevorens gemeld - had volgens brief van de kapitein rondhouten, verschansingen, enz. verloren. Het is later op Onrust aangekomen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 augustus. Volgens brief van kapt. Tuk, voerende het Nederlandse schip JAVA, de 17e juni te Batavia aangekomen, had hij bij de eilanden St. Paulus en Amsterdam een hevige storm, aan een orkaan gelijk, doorgestaan, die bijna 3 dagen aanhield en waarbij midscheeps veel water overkwam. Het schip hield zich echter uitmuntend en er was niets gebroken dan alleen de bezaansgaffel, terwijl het schip met die hevige buien 15 mijl vaart liep en anders geen schade was gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 8 augustus. Volgens een bericht van de loodsen is het Amsterdamse brikschip ENERGIE, kapt. Van Lieuwen, van Söderhamn naar West-Hartlepool bestemd, de 5e dezer de Droogden gepasseerd.


12 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 8 augustus. De beide volgende schepen van St. Petersburg alhier aangekomen, hebben orders bekomen om naar Londen te vertrekken, te weten: AUKJE, kapt. Wiebes en LAMBERTHA, kapt. Hittmann.


13 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 augustus. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn aangenomen voor de overvoer van 1250 ton steenkolen van Birkenhead naar Onrust, de hier te huis behorende schepen PRINCES AMALIA en MACASSAR en voor het transport van een detachement militairen naar Java het te Amsterdam te huis behorende schip GERARD PIETER SERVATIUS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 augustus. Naar aanleiding van Zr.Ms. besluit van de 10e dezer wordt het te Amsterdam liggende raderstoomschip BORNEO met de 1e september aanstaande in dienst gesteld met bestemming naar Oost-Indië en het bevel over die bodem opgedragen aan de luit.t.zee 1e klasse D.L. Feldmann.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 augustus. De regering van Hare Britse Majesteit heeft een beloning van 10 Pond Sterling toegekend aan schipper D.N. de Boer van de Terschellinger loodsboot No.1; 6 Pond Sterling aan de loodsleerling C.A. Bierman, en aan W.H. de Bruijn, P.W. Rooda, P.P. Ré en J.A. van Keulen, allen tot de bemanning van gezegde behorende, elk 3 Pond Sterling, voor hun menslievend gedrag, betoond bij gelegenheid van de redding van de equipage van het Engelse fregatschip ANNIE ARCHBELL, kapt. John Blacklock, d.d. 13 april l.l. De Britse viceconsul alhier is namens The Board of Trade door de Engelse consul te Amsterdam gemachtigd bovengenoemde sommen aan begiftigden uit te reiken.


14 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkoping in de zaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 13 augustus: Het Nederlands fregatschip CATHARINA JACOBA HENRIETTE, groot 1201 tonnen: om NLG 35.000 opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia en Soerabaja het nieuwgebouwd, gekoperd Nederlands clipper-fregatschip NOACH II, kapt. P. Wierikx, mede voor passagiers, waarvoor hetzelve uitmuntend is ingericht, voerende een geëxamineerde dokter en een melkgevende koe. Adres de cargadoors Hudig & Pieters. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, C. Ament, K.J. Hagenzieker, W.Y. van Reinouts, W. van Rossem en A. J. Corver, makelaars, zullen op maandag de 26e augustus 1867, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ ten overstaan van de notaris A.A.F. Schouten, verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CORNELIS PIETER, gebouwd in den jare 1861, geclassificeerd bij Veritas 3/3 A.1.1., gevoerd door kapt. A. Simonsz. Volgens meetbrief lang 28,40 ellen, wijd 5,16 ellen, hol 3,14 ellen en alzo gemeten op 205 tonnen of 108 lasten, liggende te Antwerpen in het Mexico-dok. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoor H.A. Hespe.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het barkschip NIEUWLAND, kapt. Ruhaak, de 12e dezer van Cardiff naar Soerabaija vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 augustus. Volgens bericht van kapt. Mann, voerende het barkschip JAVA, was hij de 19e juli behouden te Point de Galle gearriveerd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 11 augustus. Bij Startpoint is gepraaid het brikschip LEDA, kapt. Ebes, van Rotterdam naar Montevideo bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockholm, 3 augustus. Het brikschip ARION, kapt. Verrill (opm: vermoedelijk buitenlander), is de 26e juli bij Finnegrund, nabij Geffle, verongelukt. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 9 augustus. Heden is alhier van Kroonstad aangekomen het Nederlandse schoenerschip MODERATIO, kapt. Scholtens, om een gedeelte van de lading alhier te lossen en zal met het restant naar St. Petersburg vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 12 juli. Er zijn verscheidene gedeelten van de lading van het schip MATHILDE, kapt. Decker, van Penang naar Londen bestemd, hetwelk alhier de 23e juni lek is binnengelopen, verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 6 juli. Een groot gedeelte van de lading van het Nederlandse schip GALILEÏ, kapt. Van der Mey, van Banjoewangie naar Amsterdam bestemd, hetwelk de 22e juni in Algoabaai bezig was met lossen wegens schade, veroorzaakt door het wegslaan van haar ankers, is alhier in een beschadigde staat aan wal gebracht en verkocht geworden.


15 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 12 augustus. Het schip HARBERDINA, kapt. Bakker, van Cardiff naar Kroonstad bestemd, is gisteren met overgeschoten lading op de rede geankerd, doch zal morgen de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 6 juli. Het schip de KOFFIJBOOM, kapt. Van Galen, hetwelk de 30e juni alhier van Cardiff is aangekomen, rapporteert aan de ingang van het Engelse Kanaal over een wrak te zijn heengezeild, waardoor enige bladen koper zijn losgerukt. Het zal waarschijnlijk moeten dokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 12 augustus. De lading balken van het te Helgoland zonder volk binnengesleepte Nederlandse of Hannoverse schip is volgens bericht van Helgoland van de 6e dezer gelost. Ze waren aan beide einden met A.S. gemerkt. Omtrent het schip was niets naders bekend. Het was op de balk van het grootluik gebrand 1206 AMS 1857 C 43 terwijl op de spil de naam van A. Meulman Groningen (opm: waarschijnlijk de naam van de scheepsbouwer) stond. (opm: het is dus met zekerheid een Nederlands schip geweest. Aan de hand van dit brandmerk is de naam te achterhalen)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 12 augustus. Het schip EUROPA, kapt. Kupcke Jr., van Cardiff te Sourabaya gearriveerd, heeft in de nacht van 20 op 21 mei en zware stortbui uit het Noordwesten doorgestaan, vergezeld van een woedende zee.


16 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 augustus. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 5 schepen, als:
Voor Rotterdam: NIEUWE WATERWEG II, kapt. N.N.
Voor Amsterdam: MEPPEL, kapt. S. Stikkel van Dam; KANAGAWA, kapt. P. Ouwehand. Voor Dordrecht: BASTIAAN POT, kapt. J.D.P. Zetteler.
Voor Middelburg: BATAVIA, kapt. D. Zwanenburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 15 augustus. Heden is van hier naar Lübeck vertrokken het schip CORNELIA, kapt. Van de(r) Velde, na geëindigde reparatie.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen zal, ten verzoeke van Mr. van Velsen Wiersma, advocaat aldaar, op donderdag den 29 augustus 1867, ’s middags 12 uur, op het Land bij de Houtmolen van D. Hoogterp, aan de Zeedijk buiten de Zuiderpoort, publiek, op drie maanden krediet, tegen voldoende borgstelling, verkopen een lading nieuw Oostzee’s eiken hout, bestaande in: zware zaagbalken, kromhout, zware zeeg en dekbalkstukken, roeden, leggers enz., deze maand aangevoerd per kofschip JANTINA, kapitein Pot, van Stettin. Gegadigden kunnen zich van beste kwaliteit verzekerd houden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een best halfsleten veerschip, groot 13 ton, en ene beste nieuwe praam, zeer geschikt tot moddervaren. Te bevragen bij E.H. van der Zee te Joure.
Tevens kunnen bij bovengenoemde terstond werk bekomen twee à drie scheepstimmerknechten, hun werk verstaande.


17 augustus 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een bevaren tjalkschip, genaamd EENZAAMHEID, groot 42 tonnen, waarover 2/3 beleend kan blijven. Te bevragen bij de ondergetekende.
Termunterzijl 16 augustus1867, P.M. Smith Mz.


  JB - Javabode

Soerabaija, 13 augustus. De stoomboot JAVAAN is gisteren op vendutie verkocht voor ruim NLG 4.000, en het schip H. LIDUINA heden voor NLG 10.000 aan de heer Janssen.


18 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand, 14 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARIA HELENE,kapt. Teerling, van St. Petersburg naar Londen bestemd, met zware schade, veroorzaakt door averij, heden alhier aangekomen. Het moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Commanditaire vennootschap W. Cores de Vries te Batavia. Jacques H.C. van der Kun en R.W. Besier, als liquidateurs van die vennootschap, berichten heren vennoten dat zij vanaf de 20e augustus a.s., ten kantore van de heren Besier & Jonkheijm, Jufferstraat te Rotterdam, zullen overgaan tot de uitbetaling, op rekening van liquidatie, de som van driehonderd guldens op elk aandeel. Heren eigenaren van aandelen aan toonder worden verwittigd dat de afbetaling van deze som geschiedt onder afschrijving daarvoor op het aandeel zelf, hetwelk daartoe moet worden aangeboden, terwijl hun tevens gelegenheid zal worden gegeven voor de ontvangst van die som kwitantie te passeren.


20 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 augustus. Volgens brief van de Kaap de Goede Hoop, dd. 8 juli, was het schip GALILEÏ, kapt. Van der Mey, van Banjoewangie herwaarts, aldaar binnengelopen - bevorens gemeld - de 21e juni van de geleden schade hersteld, gereed om naar zee gesleept te worden, toen in de ochtend van die dag het schip in zinkende staat begon te verkeren en reeds 5 voeten water in had. Onmiddellijk werd de vereiste hulp verleend en door de duiker bericht dat het zwaar anker onder het schip lag, de stok gebroken was en een van de handen door het schip was gegaan; de duiker heeft met goed gevolg door een hoeveelheid bruinwerk, een stuk lood en vilt er overheen te spijkeren, het lek gestopt. Nadat het schip was lens gepompt en de lading gelost, is het op de sleephelling gehaald en heeft aldaar gerepareerd. In de namiddag van 6 juli was men met de reparatie gereed en ligt het schip veilig in de Tafelbaai ten anker. De volgende dag is men begonnen de lading weer in te nemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Aan de werf te Workum, bij S.J. Visser, ligt te koop:
- Een hektjalk, genaamd de JONGE HENDRIK, groot volgens meetbrief 52 ton, met een uitmuntende inventaris.
- Een nieuw binnentjalkje, nagenoeg voltooid, uitmuntend sterk betimmerd, groot ongeveer 24 ton.


21 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. Bij het departement van marine zijn officiele berichten uit Suriname ontvangen, waaruit blijkt, dat Zr.Ms. schroefstoomschepen KIJKDUIN en SCHOUWEN, onder bevel resp. van de luitenants ter zee der 1e klasse H.E. Bunnik en C.T. Hackstroh, eerstgenoede de 10e juli j.l. en laatstgemelde de 13e juli daaraanvolgende te Paramaribo zijn aangekomen.
Zr.Ms. schroefstoomschip de DOMMEL, onder bevel van de kapt. luit. ter zee A.A.A. Gaymans, was de 16e juli j.l. naar Nederland vertrokken, en had de kapt.luit. ter zee F.J. Abresch, commanderende Zr.Ms. schroefstoomschip BOMMELERWAARD, het voornemen met zijn onderhebbende bodem de 21e dier maand de reis naar Nederland aan te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. Volgens heden ontvangen telegrafische depêche van Liverpool, is het schip MARIA LOUISA ANTOINETTE, kapt. Muyson, van San Francisco aldaar aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 augustus. Het Nederlandse schip WILHELMINA EN ELISA, kapt. Wiersma, zou de 18e juni van Yokohama naar Batavia vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wexford, 17 augustus. Het smakschip ROBERT HUDSON (opm: vermoedelijk buitenlander), terwijl het heden naar alhier koers zette, is op Doggersbank gestrand; de equipage is door de reddingboot gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 18 augustus. Het Nederlandse schoenerschip HEERENVEEN, kapt. Prins, van Hamburg naar St. Petersburg bestemd, geladen met verfhout, geraakte hedenmorgen ten twee ure, iet of wat ten zuiden van Helsingborg aan de grond. Het werd echter door assistentie hedenmorgen ten 8 ure weder vlot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 18 augustus. Hedenmorgen is het Nederlandse kofschip LUCAS WILDERVANK, kapt. Riks, van Burnt Island naar Riga bestemd en geladen met steenkolen, lek alhier aangekomen en zal door duikers onderzocht worden.


  JB - Javabode

Door de Amerikaanse consul alhier is gisteren het navolgend telegram ontvangen van Anjer: Amerikaans schip W.B. DINSMORE, kapt. Nathan Foster verbrand op 37º29’ ZB en 13º20’ OL. Elf man van de equipage opgenomen door het Engelse schip MALVEREN, kapt. Samuel J. Cole, wiens schip te klein is, verzoekt hier te ontschepen. Het Anjer rapport hedenmorgen ontvangen, deelt hetzelfde bericht mee, met bijvoeging, dat de kapitein en de overige bemanning is overgegaan aan boord van het Engelse schip JALAWAR, komende van Liverpool en bestemd voor Madras.


  JB - Javabode

Bij besluit van de gouverneur-generaal van Nederlands-Indië van 18 augustus 1867, no. 3, is aan het Bataviaasch Praauwenveer, tot wederopzeggens toe vergunning verleend tot het in de vaart houden van de ijzeren stoomschepen TJILIWONG en TJITARUM, eerstgenoemd bestemd tot het vervoeren van personen naar en van de rede Batavia en tot het slepen van prauwen en schepen naar nabij gelegen plaatsen en laatstgenoemd tot het slepen naar en van Moeara-Gembong van de ijzeren laadschouwen, bestemd tot het afhalen van de producten van Tjikao naar Batavia.


22 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 19 augustus. Op bevel van de admiraliteit is beslag gelegd op het galjootschip ALBERDINA EDZIENA. Het heeft in de Noordzee met een schip in aanzeiling geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand, 17 augustus. Het schip MARIE HELENE, kapt. Teerling, van St. Petersburg naar Londen bestemd, hetwelk de 14e augustus alhier is binnengelopen nadat het in aanvaring was geweest, is zwaar lek en heeft tevens zeilen en verschansingen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand, 17 augustus. Het schip ELSCHEA, kapt. Schoon, van Nyekoping (opm: Nykøbing) naar Le Havre bestemd, is heden alhier binnengelopen met verhitte lading en moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 augustus. Heden is alhier uit de haven gehaald en de reis voortgezet het kofschip LUCAS WILDERVANK, kapt. Riks, van Burnt Island naar Riga bestemd, nadat het lek door een duiker is gestopt geworden.


23 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 22 augustus. Heden is alhier gearriveerd Zr.Ms. stoomschip DOMMEL, commandant Gaymans, komende van Suriname.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 augustus. Volgens rapport van de opperstuurman G. Dickens, van het schip AVALANCHE, van Savannah la Mar naar Liverpool en te Falmouth binnen, heeft hij de 15e juli op Colorado rif (Cuba) een barkschip op strand zien komen, tonende een Nederlandse vlag aan de grote mast. De wind was toen NNO; de naam onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 19 augustus. Sunderland, 19 augustus. Het schip (opm: kof) ALBERDINA EDZINA, kapt. H.D. Uchtman, de 10e dezer uit Groningen alhier aangekomen, heeft met een schip in de Noordzee in aanvaring geweest. (opm: zie ook NRC 240867)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een nieuw schip, lang 14,30 el of 50½ voet, wijd 3,60 el of 12½ voet, diep 1,40 el of 5 voet; en ook een wel onderhouden hektjalk, groot 49 ton. Te bevragen bij de weduwe S.A. Nieuwland te Deinum.


24 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 augustus. Het Nederlandse schip ALBERDINA EDZINA, kapt. Uchtman, van Groningen te Sunderland aangekomen, is de 19e dezer wegens een aanzeiling in de Noordzee door de admiraliteit in beslag genomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 augustus. Het schip LUCAS WILDERVANK, kapt. Riks, van Burnt Island naar Riga bestemd, heeft het lek gestopt en de reis vervolgd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 augustus. Het Nederlandse schoenerschip HEERENVEEN, kapt. Prins, hetwelk op de reis van Hamburg naar St. Petersburg, zoals bevorens vermeld is geworden, tussen Helsingborg en Knaehagen aan de grond geraakt is, heeft de reis voortgezet, dewijl het schip dicht is gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 augustus. Het Nederlandse galjootschip MARTHA, kapt. Postema, heden van St. Petersburg alhier aangekomen, heeft order voor Stockton bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 20 juli. Behalve de GALILEÏ, kapt. Van der Meij, is er op het ogenblik geen enkel Nederlands vaartuig in onze havens. Voor dat schip echter zullen al zeer treurige herinneringen aan Tafelbaai verbonden zijn als het eenmaal onze kusten verlaten heeft.
In de vorige maand berichtten wij het als geheel gerepareerd en zeilree en werkelijk lag het op zaterdag de 22e juni, gereed om uitgesleept te worden, toen men bij het peilen van de pompen ontdekte dat het schip vier a vijf voet water in had en reeds begon te zinken. In allerijl werd met macht van koelies en met behulp van de bemanning van een in hetzelfde bassin liggende Portugese oorlogsstoomboot de lading gelost en voor zover mogelijk geborgen, terwijl inmiddels door een duiker onderzoek werd gedaan naar de oorzaak van die nieuwe ramp en bevonden dat het schip gestoten had op een anker dat het een paar dagen tevoren door de zware deining verloren had. Er was een groot gat in de bodem nabij de kiel. Het gat werd zo goed mogelijk door de duiker toegemaakt en op aanbeveling van experts werd besloten het schip weer op de sleephelling te halen en na te zien. Dat geschiedde. De breuk werd spoedig hersteld, het schip te water gelaten en het restant van de lading weer aan boord genomen, zodat het donderdag de 18e andermaal zeilree lag en ditmaal werkelijk werd uitgesleept. Maar nog schijnt aan de ongevallen van de rampspoedige GALILEÏ geen einde te zijn, daar het schip in de nacht weer is teruggekeerd en gisteren een noordwester storm in de Tafelbaai heeft moeten ondervinden, gedurende welke het tweemaal met anker en kabeltros van de wal is moeten voorzien worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 augustus. Gisteren arriveerde hier het nieuw gebouwde galjootschip TRIJNTJE, kapt. R.M.E. Visser van Schiermonnikoog, groot 100 ton, gebouwd bij J. & K. Wilkens te Veendam.


25 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 24 augustus. Heden is het schip NESTOR (opm: fregat met hulp-stoomvermogen), kapt. Brandligt, van hier naar Brouwershaven vertrokken (opm: dezelfde dag aldaar aangekomen; eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse kofschip CORNELIA, kapt. Van der Velde, behouden te Lübeck aangekomen. Het heeft de reis in acht dagen tijds van Hellevoetsluis gedaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand, 17 augustus. Het de 14e dezer met schade, veroorzaakt door aanvaring, alhier binnengelopen schip MARIE HELENE, kapt. Teerling, van St. Petersburg naar Londen bestemd, is zeer lek en heeft buitendien zeilen en verschansingen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand, 17 augustus. Het schip ELSCHLEA, kapt. Schoon, van Nyekjöbing naar Havre bestemd, eveneens alhier met verhitte lading binnengelopen, moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 22 augustus. Het Nederlandse galjootschip AFIENA, kapt. Goossens, heden alhier van St. Petersburg aangekomen, heeft alhier geen order gevonden en is volgens de charterparty naar Londen gezeild.


26 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 25 augustus. Gisterenavond, ruim 6½ ure, kwam van Rotterdam de Nederlandsch-Belgische spoorboot STAD DORDRECHT, welke door het lage water voor in de Noord bleef vastzitten. De stoomboot MERWEDE, welke er zich zeer kort achter bevond, liep toen met haar steven in de spiegel van de stoomboot STAD DORDRECHT; beide stoomboten hebben belangrijke schade bekomen. Niettegenstaande er vele passagiers op beide boten waren, heeft geen hunner een ongeluk gekregen. De beide boten hebben haar reis naar Gorinchem en Moerdijk vervolgd.


27 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. In de Hollandsche Illustratie komen enige bijzonderheden voor omtrent het stoom-ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, waaruit blijkt, dat het 240 voet lang, 44 voet breed en 28 voet diep is. De dikte van de pantserplaten is 4½ Engelse duim, van het hout 10 Engelse duim. Op het dek zijn 2 gepantserde cilindervormige torens met een pantserbekleding van 5½ Engelse duim dik en elk voorzien van 2 getrokken mondlading-kanonnen, wegende elk 12½ ton en kogels werpende van 300 pd. Het schip bevat twee van elkander gescheiden stoommachines, ieder van 200 paardenkracht nominaal, maar die tezamen tot 2400 (opm: dit zijn mogelijk indicateur paardekrachten) kunnen worden opgevoerd. De stookplaats is voorzien van 16 vuren. De ketels zijn tegen de wanden van het schip, de haarden in het midden geplaatst. Een telegraaf-inrichting brengt de commando’s over. Behalve op het dek bevindt zich tussendeks een stuurrad, dat in het gevecht gebruikt wordt, wanneer zich geen levend wezen op het dek vertoont. Het logies voor de bemanning is ruim, net en luchtig en rijkelijk voorzien van toestellen voor luchtverversing. De gehele inrichting is praktisch en vernuftig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 20 juli. Het schip GALILEÏ, kapt. Van der Meij, van Banjoewangie naar Amsterdam, is in de namiddag van 11 dezer, van de Algoa-baai naar zee gesleept, doch heeft tegen de avond het sleeptouw laten slippen en is op de ankerplaats teruggekomen, waarvan de oorzaak nog niet bekend is, daar regen en buiig weer de communicatie met het schip belemmeren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 19 augustus. Het schip HELENA CATHARINA, kapt. De Vries, van Windau naar Rotterdam, is heden bij de Drogden aan de grond geraakt, doch met assistentie weder afgebracht, Het heeft de reis voortgezet.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. G. Acker, eerste deurwaarder te Leeuwarden, zal op zaterdag de 31 augustus 1867, namiddags 3 uur, aan de scheepstimmerwerf te Deinum, ten laste van Marten Sakema, schipper, gedomicilieerd te Achlum, bij executie verkopen een overdekt tjalkscheepje, groot 25 ton, met losse boeisels, mast met gewicht, roer, zwaarden, losse schoorsteen met broek, loopplank, vier loefgangen, boom, haak en stokdweil, zoals een en ander aan voormelde werf is liggende.


28 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. Ament, C.S. Oolgaardt, W. Bakker Wzn, J.F.L. Meijjes, W. van Rossem en A.J. Vinke, makelaars, zullen op maandag de 23e september 1867, des avonds ten zes ure, ten overstaan van de notaris J.G. Pouw, in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ te Amsterdam aan de meestbiedende of hoogstmijnende presenteren te verkopen het extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: ELIZABETH, gevoerd door kapt. A. de Boer. Volgens Nederlandse meetbrief lang 30 ellen 22 duimen, wijd 5 ellen 10 duimen, hol 3 ellen 62 duimen, en alzo gemeten op 248 tonnen of 131 lasten, liggende te Rotterdam in de Westerhaven. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Oolgaardt & Bruinier te Amsterdam en Wambersie & Zoon te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 13 juli. Vrachten. Voor Nederland werden opgenomen de volgende Nederlandse schepen: HENRIETTE MARIA tot GBP 3,17,6 ; PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL tot NLG 82,50 voor suiker, NLG 80 voor koffie, NLG 75 voor tabak en NLG 95 voor indigo, te Samarang te laden ; DORDRECHT tot NLG 20 voor tin, NLG 80 voor koffie, NLG 95 voor thee en NLG 97,50 voor Damar, hier en op Cheribon te laden. STAD DOCKUM voor NLG 82,50 suiker, NLG 80 koffie, NLG 75 tabak en NLG 95 voor lichtgoed, te Samarang te laden. ALDEBARAN tot NLG 80 voor koffie en suiker, NLG 70 voor rijst en NLG 90 voor lichtgoed, en de INDIA tot NLG 75 voor koffie en suiker. Voor Australie werden gecharterd AEOLUS tot GBP 2,15 per ton voor suiker in zakken naar Sydney en Melbourne en VIJF VRIENDEN tot GBP 2,15 voor rijst en suiker naar Sydney en of Melbourne.
Ter bevrachting blijven de Nederlandse schepen PIETER ADOLF, JAVA, TWEELINGEN, QUARTET en JOHANNES ANTHONIUS.


  JB - Javabode

Soerabaija, 23 augustus. Wij vernemen uit een goede bron, dat het stoomschip PETER LANDBERG, gezagvoerder Van den Steen, in Japan verkocht is.


29 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Volgens particulier bericht lag het schip ADMIRAAL DE WINTER, kapt. Dill, de 20e juli geheel beladen te Singapore, en zou het des anderen daags naar Londen vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 26 augustus. Van het schip BAUDINA ELISABETH, kapt. De Jonge, de 24e dezer van Buenos- Ayres alhier aangekomen, is de grote mast gesprongen en gebroken. Het is nagezien en aanbevolen om een nieuwe mast te nemen, te lossen, te dokken en op de sleephelling gehaald te worden, daar het enig water maakt.


30 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Milford, 28 augustus. Het brigantijnschip PLANTER (opm: mogelijk buitenlander), van Newport naar Kinsdale bestemd, geladen met steenkolen, is gisteren avond bij the Crow verongelukt. De equipage is gered.


31 augustus 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Volgens een brief uit Batavia, bij de reder ontvangen, dd. 14 juli, is het schip KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB, kapt. Zwart, van Soerabaija naar Toli Toli bestemd, bij Dedjoong Dondo gebleven. De equipage is gered. Nadere bijzonderheden ontbreken nog. (opm: zie JB 270767)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 29 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het schoenerschip IRIS, kapt. Ahrens, geladen met rogge, op de reis van St. Petersburg naar de Noordzee bij Faro (opm: Fårö, Gotland) gestrand. (opm: zie ook NRC 020967)


01 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algoabaai, 24 juli. Het Nederlandse schip KRIMPENERWAARD, kapt. Kluit, van Batavia naar Nederland bestemd, is de 24e dezer door het stoomschip CELT lek binnengesleept en moet repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algoabaai, 24 juli. Het schip SALATIGA, kapt. Ketteler, van Batavia naar Rotterdam bestemd, is de 25e dezer alhier eveneens lek binnengesleept en moet alhier ook repareren. (opm: het schip SALATIGA zal ongetwijfeld genoemd zijn naar het Javaanse regentschap Salatiga. Volgens een oude Javaanse legende betekent de naam “alle drie slecht”, omdat daar in vroeger tijden een man zou hebben gewoond, die drie zonen had, welke alle drie misdadigers waren)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 31 augustus. Heden is van hier naar Batavia vertrokken het schip NESTOR, kapt. Brandligt (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 29 augustus. Volgens telegrafisch bericht is het galjootschip HILLECHINA, kapt. E.H. Scherphuis, in ballast naar Uleaborg bestemd, bij Jacobstadt gezonken. De equipage is gered.


02 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 september. Het schip IRIS, kapt. Ahrens, van St. Petersburg naar de Eems, op Farö (opm: Fårö, Gotland) gestrand, is, na gelost te hebben, met assistentie weder vlot gekomen en te Slitteham (opm: waarschijnlijk Klintehamn, Gotland) binnengebracht.


03 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 september. Aan de Boompjes ligt thans het nieuw gebouwd, gekoperd klipper- fregatschip NOACH II, ’t welk gevoerd zal worden door de gezagvoerder P. Wierikx, behorende tot de rederij van de heer Fop Smit Jr., alhier. Het schip trekt de aandacht door zijn fraaie bouw. Het is tevens uitmuntend en doelmatig ingericht voor passagiers en heeft zeer ruime, luchtige en comfortabele hutten aan boord. Zelden heeft men een schip gezien, waarvan de hutten zo ruim zijn gebouwd, daarbij komt nog een opmerking, dat de schijnlichten zodanig zijn ingericht, dat men uit de salon alles op de campagne kan zien werken, en daarentegen niets van het dek in de salon kan gezien worden. Het schip aanvaardt in de tweede helft dezer maand de reis naar Batavia.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 september. Zr.Ms. schroefstoomschip BOMMELERWAARD, onder bevel van de kapt.luit. ter zee F.J. Abresch, laatst gestationneerd te Suriname, is in de morgen van de 2e dezer te Hellevoetsluis aangekomen.


04 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bahia, 17 augustus. Het Nederlandse schoenerschip WAALWIJK, kapt. Schaafsma, van Cardiff naar Montevideo bestemd en geladen met steenkolen, ’t welk de 12e juli alhier met verlies van stengen is binnengelopen, heeft de lading gelost en is in veiling verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stanley, (Falkland Islands) 2 juli. Het barkschip COQUIMHANA, kapt. Bode, van Valparaiso naar Bristol bestemd, geladen met blokken koper en gerst, is de 31e mei bij Tyssen Patch op strand geraakt en totaal wrak geworden. De equipage is gered. (opm: waarschijnlijk geen Nederlands schip)


05 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 3 september. Heden is alhier binnengelopen het Nederlandse tjalkschip AGATHA, kapt. Fokkes, van Steenwijk naar Meldorf bestemd.


06 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 september. Van de westkust van Afrika zijn alhier omtrent de onderstaande Nederlandse schepen de volgende berichten ontvangen:
APOLLONIA, kapt. Steinhusen, de 2e juli van Grand Bassan naar Amsterdam vertrokken.
BOUNTRY, kapt. Repsdorph en GOUVERNEUR NAGTGLAS, kapt. Piera, beiden de 21e juli van Grand Bassan te Elmina gearriveerd.
ELMINA, kapt. De Vries, qq., de 8e augustus opkruisende naar Elmina.
ACCRA, kapt. Oelhoorn, de 1e augustus liggende te Elmina, zou naar Dixcove vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 5 september. Het schoener-brikschip VERTROUWEN, kapt. De Ruiter, is de 6e juli te Rio-Negro (Patagonië) aangekomen met schade aan schip en inventaris. De equipage was wel. (opm: zie PGC 100967)


07 september 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zoltkamp, 5 september. Gister is hier met goed gevolg van de werf van de scheepsbouwer S.H. Woldring te water gelaten het nieuwgebouwde kofschip AZINGA, groot plm 60 last, zullende gevoerd worden door W.J. Astra van Zoltkamp.


  JB - Javabode

Advertentie. Op donderdag 12 september 1867 des voormiddags ten elf uur, voor het commissiehuis van de heren Gebrs. Roselje & Co., zal publiek worden verkocht: het wrak en de inventaris van het Portugees barkschip SAO VICENTE DE PAULO, gevoerd door kapt. Francisco Ferreira dos Santos, in 1863 gebouwd te Bangkok, lang 108 voet, breed 26 voet, diep ruim 14 voet, met vierkante spiegel. Het schip is in de morgen van drie september in de Peperbaai benoorden Tjiringin gestrand en wrak en inventaris worden verkocht voor zoverre het aanwezig zal zijn.
De consul van Portugal, L.J.H. Bouman.


08 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 5 september. Het schip HARMINA, kapt. Kriens, van Amsterdam naar Bristol bestemd, geladen met olie enz., ’t welk gisteren alhier lek is binnengelopen, had een gedeelte der lading over geworpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Simonsbaai, 31 juli. Het Nederlandse schip ST. JAN, kapt. Lommerse, van Batavia naar Schiedam bestemd, is alhier binnengelopen, met schade aan het roer, verschansingen enz.


09 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 3 augustus. Het schip ST. JAN, kapt. Lommerse, van Batavia naar Schiedam bestemd, ’t welk de 31e juli in Simonsbaai is binnengelopen om het roer enz. te repareren - zie ons nummer van gisteren - heeft op de 12e en 23e juli zeer slecht weder op de kust ondervonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algoabaai, 30 juni. Het Nederlandse schip KRIMPENERWAARD, kapt. Kluit, van Batavia naar Rotterdam bestemd, ’t welk alhier de 22e dezer lek is binnengesleept geworden, bevorens gemeld, heeft op de 12e, 15e en 20e dezer zeer zwaar weder nabij deze kust ondervonden. Het dek is ontzet, de boten, verschansingen enz. zijn weggeslagen. Het had een gedeelte der lading overboord geworpen, en is nu bezig het restant der lading in een meer of minder beschadigde staat te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algoabaai, 30 juni. Het schip SALATIGA, kapt. Kettler, van Batavia naar Rotterdam bestemd, ’t welk alhier eveneens de 23e juli lek is binnengelopen, bevorens gemeld, heeft op 13 en 16 dezer nabij Kaap Agulhas zeer slecht weder ondervonden en heeft 7 voet water in het ruim. Het heeft een gedeelte der lading overboord geworpen, en pompte een aanzienlijke hoeveelheid suiker op, en is nu ook bezig het overige gedeelte der lading in een min of meerdere beschadigde staat te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Marine. De kapitein ter zee, tijdelijk directeur en commandant der marine te Vlissingen, zal op woensdag de 25e september aanstaande, des voormiddags ten 10 ure, bij opbod en afslag, op nieuw in het openbaar presenteren te verkopen het voor ‘s Rijks dienst afgekeurde fregat de SAMBRE, liggende in het maritieme dok aldaar. Volgens de gewijzigde voorwaarden, ter lezing liggende bij het departement van marine te ’s Hage, ter griffie van voorschreven werf, mitsgaders ten burele van de eerstaanwezende ingenieur der marine aldaar, bij wie tevens alle verdere inlichtingen kunnen verkregen worden. Het schip is te bezichtigen zes werkdagen vóór en op de verkoopdag, mits voorzien van een ter opgemelde griffie verkrijgbaar permissiebiljet.
Vlissingen, de 5e september 1867, de kapitein ter zee voornoemd, A.F. Siedenburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop : Een koopvaardij hoekerschip, groot 50 lasten, bijzonder geschikt voor de kleine vaart op Schotland en Noorwegen. Te bevragen aan het postkantoor te Vlaardingen.


10 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 september. Zr.Ms. schroefstoomschip BOMMELERWAARD wordt met de 15e dezer buiten dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 september. Omtrent het schip SALATIGA, kapt. Kettler, van Batavia naar Rotterdam bestemd, de 23e juli te Algoa binnengelopen - zie ons nummer van gisteren -wordt het volgende gemeld:
Op 12 juli 1867, zeilende op 35º 36` ZB. en 20º 9` OL., nam wind en zee hand over hand toe.
Wij borgen de zeilen naar zeemansgebruik en lieten het om de West lopen. De wind was NNW, nam gedurende de nacht aan, zodat wij genoodzaakt waren onder groot ondermarszeil en voorsteng stagzeil bij te draaien. Ten 2 ure vloog het laatstgenoemd zeil geheel weg en werd het schip op zijde geworpen, onder hevige donder en bliksem. Het schip dat tot Kaap Agulhas potdicht gebleven was, begon eensklaps zo lek te worden, dat met alle kracht gepompt moest worden. Bij het aanbreken van de dag te midden van de woeste kokende zee bespeurden wij, dat het schip dieper en zwaarder lag, dan het gedaan had. Onmiddellijk werd besloten om te halsen, dat gelukkig afliep, terwijl alle man en de militairen, die aan boord waren, aan de pompen stonden.
Het schip lag bijna geregeld met de lijreling te water en gaf de loefpomp even goed water als die aan de lijzijde, zodat er meer dan 7 voet water in het schip moest staan. De zee steeds met geweld over het schip lopende, verkeerden wij in de grootste nood en hadden allen de dood voor ogen.
De 13e juli kwam de equipage achteruit, verlangende dat er noodmaatregelen genomen zouden worden om schip, lading en leven te behouden en werd toen besloten het boventuig te kappen, alles wat nog wichtig aan dek was overboord te zetten, alsmede een gedeelte der lading, en de eerste noodhaven, zijnde de Simonsbaai, binnen te lopen. Het schip werd ten 2 ure door een vliegende bui op zijde geworpen en sloegen wij de loefpomp aan, waarop het overboord werpen der lading gestaakt werd. Er stond toen nog 3 à 4 voet water, volgens peiling van de loefpomp, in het schip ; eerst ten 8 ure begon de lijpomp slingerlens te slaan.
Het schip had een zware slagzijde (twee voet naar stuurboord); de 14e het weder handzamer zijnde, openden wij de luiken om de lading te verstuwen, ten einde de slagzijde weg te krijgen. Wij vonden toen dat de lading aan bakboord drie voet gezakt was. De 15e hadden wij het schip recht, niettegenstaande de vreselijke rolling der zee. Het schip maakte toen weinig water, doch pompten wij aanhoudend suiker.
De 18e kwam er hand over hand slecht weder, gelijk aan een orkaan, met beide pompen moest voortdurend gewerkt worden, om het schip boven water te houden, terwijl zoveel suiker uit het onderruim gepompt werd, dat het schip dreigde te kenteren, waarop men besloot daarom het schip voor de wind te sturen en de Algoabaai binnen te lopen, waar de SALATIGA de 23e juli in reddeloze staat ten anker kwam.
Volgens een bericht uit de Kaapstad was de lading sterk beschadigd en waren er reeds 200 balen tabak, als zijnde zwaar beschadigd, verkocht geworden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 9 september. Het schoenerschip WILHELMINA, te Oude Pekela in de zomer van 1866 nieuw van stapel gelopen (opm: waarschijnlijk de WILLEMINA, kapt. C.A. Borgman, reder D. Mulder & Zn, Winschoten) en toen betaald met ca. NLG 28.400,-, is in de vorige te Winschoten gehouden publieke veiling verkocht voor NLG 13.625,- (opm: mogelijk na schade verkocht aan J.J. Hazewinkel te Pekela)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 7 september. Het schip VERTROUWEN, kapt. De Ruyter, van Buenos Ayres naar Rio Negro (Patagonië) is op 5 juni bij het binnenkomen der Rio Negro op de bank geraakt, waardoor het roer brak en de equipage, uit vrees dat het schip door de hevige branding stuk zou slaan, genoodzaakt was het te verlaten, doch de volgende dag naar boord terugkeerde. Het was op 30 juni, nadat er een geul gegraven was, vlot en op 6 juli te Rio Negro aangekomen. Het had veel zink, de loze kiel, de grote boot, 2 ankers enz. verloren en andere schade bekomen, doch is dicht gebleven. De kapitein zou de geleden schade zoveel mogelijk herstellen en na aankomst te Buenos Ayres verder repareren.


11 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 juli. Vrachten waren bij het vertrek der laatste mail iets flauwer, doch nu, daar de producten langzamerhand binnenkomen en arrivementen van onbevrachte schepen onbeduidend bleven, weder iets vaster.
Naar Amsterdam werden opgenomen de Nederlandse schepen PIETER ADOLF à NLG 15 voor tin alhier, NLG 75 voor suiker en koffie te Soerabaija en NLG 90 voor koffie te Padang en aldaar op te vullen met licht goed à NLG 100. VERTROUWEN NLG 80 voor suiker, koffie, specerijen en tabak, hier en te Soerabaija te laden. JAVA NLG 80 voor koffie en suiker, NLG 75 voor rijst en NLG 100 voor thee, op verschillende kustplaatsen en hier te laden.
TWEELINGEN is alhier aangelegd. Naar Rotterdam bedong de Nederlandse SUSANNA JOHANNA NLG 80 voor suiker en NLG 75 voor koffie, in de Oosthoek te laden. Naar Australie werd gecharterd de Nederlandse JOHANNES ANTHONIUS, à GBP 3.2/6 voor suiker in zakken naarMelbourne en/of Sydney en met een lading steenkolen van New- Castle terug naar Java à GBP 1 per ton.
Onbevracht zijn thans de Nederlandse schepen QUARTET, NOACH, DIONYSIA CATHARINA en JASON.


12 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwendam, 9 september. Op de werf van de scheepsbouwmeesters W. & A.H. Meursing alhier is heden te water gelaten een schoener-brikschip, groot 200 tonnen. (opm: mogelijk de CORNELIA ABRAMINA of de IDA)


13 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juli. Heden morgen arriveerde hier ter rede het Nederlandse klipper- fregatschip INSULINDE, gevoerd door kapt. P. P. Duinker Jr., hebbende de reis van Nederland in 89 dagen volbracht. Dit schip deed de wedstrijd met het van hulp-stoomvermogen voorziene schip ’s GRAVENHAGE, waarvan men de aankomst nog te vergeefs verwacht.
De INSULINDE zeilde de 2e mei uit het Nieuwediep, ondervond bij de aanvang der reis voortdurend stilte en zeer flauwe zuchtjes, de 4e mei passeerde dit schip Dungeness en de 6e Kaap Lizard, aan het einde van het Kanaal.
De ’s GRAVENHAGE verliet Brouwershaven de 2e mei, passeerde de 3e Dungeness en de 4e ’s middags Goudstaart, zodat dit schip de 5e mei ’s morgens vroeg bij Kaap Lizard geweest kan zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te huur voor vijf of meer jaren in te gaan de 12 november of de 5 maart e.k. een in volle werking zijnde en beklante scheepstimmerwerf met nieuw woonhuis, twee knechtswoningen en ruime timmerschuur, alsmede hoving en tuin, staande en zeer gunstig gelegen aan het Kolonelsdiep te Kootstertille, thans in gebruik bij de eigenaar Molle M. van der Werf. Nadere inlichtingen, per franco brieven of in persoon, bij de eigenaar voornoemd, vóór de eerste oktober a.s.


15 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 september. Zr.Ms. schroefstoomschip CURAÇAO vertrekt bij gunstig weder de 21e dezer naar Oost-Indië. Het nog te Amsterdam liggende stoomschip BORNEO vertrekt mede op die dag derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 september. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 5 schepen, als :
Voor Amsterdam: CORNELIA, kapt. J. R. de Boer; SPERWER, kapt. P. Huisman; VOORUIT, kapt. N.N.
Voor Dordrecht: TRITON, kapt. W. H. Schey.
Voor Schiedam: CONSTANCE, kapt. J. P. Schroot.


16 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 14 september. Heden is alhier binnengelopen het schip AXIM, kapt. Lieneman, van Amsterdam naar de kust van Guinea bestemd, met verlies van verschansingen, relings, enz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 12 september. Volgens een telegram uit Hammerfest via Namsos in dato 2 september is het schip ANTINA, kapt. Alberts (opm: mogelijk buitenlander), van Hamburg naar Vadsoe bestemd, de 21e augustus in Tanafjord (opm: 70º 43’ NB en 28º 26’ OL) gezonken. De equipage is gered en te Hammerfest aangekomen.
[afb]
Tanafjord, Noorwegen
(Fotocollectie Wikipedia)


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlie, 13 september. Binnengekomen ANJE, M.F. Munning, Frederikstad. (opm: na deze reis werd de kof [bouwjaar 1833] verkocht; nieuwe naam HENDRIKA ALEIDA)
NRC 170967
Brouwershaven, 17 september. Het fregat NOACH II, kapt. Wierikx, dat de 16e dezer van Hellevoetsluis was vertrokken en alhier heden arriveerde, is eveneens heden van hier vertrokken met bestemming naar Batavia (opm: eerste reis)


17 september 1867


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 14 september. Men is zonder bericht omtrent het schip ARENDINA CATHARINA, kapt. Leeuw (opm: mogelijk L.R. Leeuwes), op 3 januari van Grimstad naar Schiedam vetrokken.


18 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heppens, 13 september. Het schip CATHARINA, kapt. Kortlang, kwam gisteren avond lek alhier in de haven en is daarop onmiddellijk gezonken, men heeft echter hoop hetzelve weder vlot te krijgen. De lading, uit kalk en stenen bestaande, is deels geborgen. (opm: schip wordt geborgen en gaat weer in de vaart; zie NRC 210967)


19 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 15 september. Heden is alhier van Triëst aangekomen het Nederlandse schoenerbrikschip (opm: schoener) MARTHA ALIDA, kapt. A.E. Karst. Het zal de voor hier bestemde goederen lossen en zal met het andere gedeelte der lading naar Petersburg vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 14 september. Heden voor de middag is hier van Memel met een lading hout binnengekomen het schoenerkofschip JOHANNA, kapt. E.H. Oldenburger. Aan boord van deze bodem had hedenmorgen, toen men op de Vlierede ten anker ging, de volgende ontzettende gebeurtenis plaats. De stuurman, zoon van de kapitein, was sedert een paar dagen niet wel, dat door de vader bemerkt werd en door onnauwkeurig aantekening der waarnemingen en door zijne hem gistermorgen gedane verklaring, dat hem het vloeken van enigen der equipage zeer hinderde en dat hij de dood aan zijn vader had verdiend. Een dientengevolgd hebbend onderhoud, waarin de vader, zich onbewust van zulk een misdaad van zijn zoon, betuigde, dat wanneer die evenwel door hem mocht zijn begaan, hij hem van ganser harte vergaf, gelijk hij vertrouwen mocht, dat zulks ook door de Heer zou geschieden, had een hartelijke verzoening tussen vader en zoon tengevolge. De laatste verklaarde later op de dag dat hij in het Boek (opm: de Bijbel) gelezen had en daardoor troost had gevonden, zonder welke hij die dag voor klokke acht reeds overboord zou zijn gegaan. Na zich de gehele dag rustig te hebben gedragen, verzocht de kapitein hem hedenmorgen, toen men op de Vlierede een loodsvlag zou hijsen, om in plaats van een gescheurde, een nieuwe, in de kooi van de vader liggende vlag te halen. Zijn langdurige afwezig blijven deed de kapitein naar de kajuit gaan, waar zijn ongelukkige zoon, badend in het zweet, alles door elkaar haalde, terwijl de bewuste vlag nevens hem lag. Fluks ontrukte de vader hem aan deze arbeid en plaatste hem in de kajuit op een stoel. Toen bemerkte hij aan de opgejaagde jongeling die naar boven wilde, om aan de arbeid deel te nemen, dat hij zich weder gelijk de vorige dag bevond. De ongelukkige, zich toen de weg naar boven afgesneden ziende, nam onverwachts een sprong op de bank, trapte het glas in de poort stuk met zulk een kracht, dat het gehele raam wijkt, waardoor hem de gelegenheid werd geopend om zich door de opening te werken en dit met zulk een spoed, dat de tevergeefs om hulp schreeuwende vader hem slechts bij de voet kan grijpen, door welke hij in het aangezicht en op de handen gewond wordt en helaas slechts de laars in de hand hield. De ongelukkige waanzinnige, buiten boord zich nog aan een ijzer vasthoudend, ziet door de poort, reikt zijn handen naar de vader en zegt, terwijl deze hem bidt weder binnen te komen “ik ga heen” en laat zich in zee vallen. De radeloze vader die zich naar boven spoedde, wierp een roeispaan overboord, vlak voor zijn zoon die hem grijpt. Reeds verheugt de vader zich, dat zijn zoon gered zal kunnen worden door de loodsboot, die zich in de nabijheid bevind, doch daar had men wel de houten poort, maar niet de mens opgemerkt. In stede van zich aan de roeispaan vast te klemmen, werkt hij langs deze zodat het ene einde onder water raakt en hem ontglijdt, nog zwemt hij enige ogenblikken in het water en de vader onmachtig hulp te kunnen brengen, moet zien dat zijn geliefde enige zoon in de diepte verdwijnt. We wagen het niet de toestand te schetsen van de vader, die op zo treurige wijze zijn zoon verloor in de jeugdige leeftijd van 23 jaar, na 3 jaar als stuurman bij hem te hebben gevaren en nimmer enige reden van ontevredenheid, omtrent zijn leven en wandel te hebben gegeven, nog die van de steeds ziekelijke moeder en van zijn zusters, die de geliefde zoon en broeder dagelijks tegemoet zagen.


20 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 17 september. Het Nederlandse kofschip VIER GEBROEDERS, kapt. Muntendam, eergisteren van St. Petersburg alhier aangekomen, heeft hier geen orders gevonden en is volgens charterpartij naar Amsterdam vertrokken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wassenbergh zal op zaterdag de 21 september 1867, namiddags 7 uur, in de Brouwerij te Sint Jacobi Parochie, in een zitdag, publiek verkopen een open snikschip met roef, groot 8 ton, met bezaanzeil van 60 el, 3 kleden, planken, haken, bomen en wat er verder toebehoort, behorende aan J. Bokma en C. Kuiken; dadelijk te aanvaarden. Ter bezichtiging in de Zuidervaart te St. Jacobi Parochie.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een nieuw schip, lang 13,632 el (48 voet.), wijd 3,501 el ( 11¾ voet.) en hol 1,278 el (4½ voet.), zijnde ongeveer 26 ton, eigen aan en te bevragen bij A.P. van der Werff, scheepstimmerman te Drachten.


21 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P.J. van der Aa Gzn. en P. Reineke, makelaars, zullen op maandag den 7e oktober 1867, des avonds ten zes ure te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ ten overstaan van de notaris F. Franke, verkopen: een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd MENTOR, gevoerd door kapt. H.W. Butenuth. Volgens Nederlandse meetbrief lang 35 ellen 70 duimen, wijd 6 ellen 80 duimen, hol 5 ellen 14 duimen, en alzo gemeten op 555 tonnen of 293 lasten, liggende te Amsterdam aan de werf De Boot, Groote Wittenburgerstraat.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heppens, 16 september. Het schip CATHARINA, kapt. Kortlang, is door duikers onderzocht en door hen het lek gestopt geworden, waarna het gelicht en de lading gelost is. Het schip ligt nu gereed om naar de Weser te vertrekken.


22 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. De Staats-Courant bevat het Koninklijk Besluit tot onteigening van gronden ten behoeve van de aanleg van een kanaal (opm: het latere Eemskanaal), aanvangende in het Winschoterdiep bij de stad Groningen naar Delfzijl.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. van Rossem, W.IJ. van Reinouts en P. Reineke, makelaars, zullen op maandag 7 oktober 1867, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de ddeurwaarder B.D. Beets, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam aan de meestbiedende of hoogstmijnende presenteren te verkopen het gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd KOOPHANDEL, gevoerd door kapt. G. Verseeff, volgens Nederlandse meetbrief lang 32 el 56 duim, wijd 5 el 69 duim, hol 4 el 64 duim, en alzo gemeten op 382 ton of 202 lasten, liggende aan de werf Het Roopaard van de heer H.W. Duijts. Breder bij inventaris en nader onderricht bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. Zr.Ms schroefstoomschip 1e klasse CURAÇAO, onder bevel van de kapt. ter zee J. van Gogh, is in de namiddag van de 21e dezer van de rede van Texel naar zee vertrokken. In de morgen van die dag is alsmede van de rede van Hellevoetsluis naar zee vertrokken Zr.Ms. raderstoomschip SUMATRA, onder bevel van de luitenant ter zee 1e klasse A. Dronkers, beiden ter opvolging van hun bestemming naar Oost Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. Volgens particulier bericht is het schip AEOLUS, kapt. De Vries, op reis van Batavia naar Australië, lek uit zee teruggekomen. Het moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 september. Het schip MARIA, kapt. Hansen, van Frederikstad met hout naar Harlingen bestemd, is volgens brief uit Mandahl, dd. 13 dezer, aldaar lek en met meer andere schade binnengelopen, zijnde in aanzeiling geweest met het schip NORGE; moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 21 september. Heden is alhier gearriveerd het Nederlandse barkschip GENERAAL MICHIELS, kapt. Visser, van Batavia naar Rotterdam bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 21 september. Het rader-stoomschip TIMOR wordt tegen de helft der andere maand hier verwacht om verder voor de koloniale dienst in Oost-Indië te worden uitgerust.


23 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 20 september. Het heden alhier gearriveerde schoenerschip M.J. ENTHOVEN EN ZOON, kapt. Stomp, heeft alhier geen orders gevonden en is volgens charterpartij naar Schiedam vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 30 september. De Nederlandse galjootschepen VIER GEBROEDERS, kapt. Woudstra, en CATHARINA, kapt. Van der Meulen, welke gemeld zijn als hier gepasseerd zijnde naar de Oostzee, doch hier wegens tegenwind op de rede ten anker lagen, werden heden beide bevracht om te Helsingborg een lading haver voor Engeland in te nemen.


24 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 september. Volgens telegrafisch bericht is het schip CONSTANTIA, kapt. Brinkerink, gisteren te Cardiff gearriveerd, hebbende 4 dagen reis van Hellevoetsluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 23 september. De barkschepen NINA FIGARI, kapt. Faraggiana en ORTO, kapt. Delacassa, beide van Antwerpen naar Newcastle bestemd, zijn heden tussen Hoedekenskerke en Baarland, door het stoomschip TAURUS, kapt. Romkes, van Antwerpen naar Hamburg bestemd, aangevaren. Het eerstgenoemde schip is alhier op de rede gekomen en de kapitein schat de schade op 4.000 Frs. Het schip ORTO is eerst bij Hoedekenskerke ten anker gegaan en later weer naar Antwerpen teruggekeerd. Het heeft zeer grote schade bekomen. Het stoomschip TAURUS heeft een groot lek bekomen en is men genoodzaakt geweest het bij Ellewoutsdijk op het droge te zetten.


25 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Suriname, zal circa 5 oktober van Amsterdam vertrekken het in deze vaart bijzonder gunstig bekende nieuw gekoperd brikschip LIDA, ex PLANTAGE DORDRECHT,
kapt. J.W.C. Vinke Muller. Adres voor goederen en passagiers bij de cargadoors W.J. Langeveld Jr. & Co., of Tubergen & Daam. (opm: eerste reis onder de nieuwe naam)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam op maandag 23 september:
-          Het brikschip ELISABETH, gebouwd in 1854, kapt. A. de Boer, liggende te Rotterdam: NLG 7900, in slag NLG 400. Koper E.C.A. Koli.
-          Het tjalkschip VROUW MARIA: NLG 625, in slag NLG 60. Koper: P. Reineke.
-          1/20e aandeel in het schoener-brikschip ZEEMANSHOOP: NLG 450, in slag NLG 150. Koper C.S. Oolgaardt.
-          1/24e aandeel in het brikschip ENGEL: NLG 710, in slag NLG 2. Koper C.S. Oolgaardt.
-          1/24e aandeel in idem: NLG 720, in slag NLG 1. Koper C.S. Oolgaardt.
-          1/24e aandeel in idem: NLG 725, koper W. Bakker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 18 september. Het schip MARIA, kapt. Meijer (opm: mogelijk buitenlander), van Grimsby naar Nerva bestemd, geladen met zout, is de 15e september op de hoogte van Dagerort gezonken. De equipage is gered en alhier door het stoomschip PERSA aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 22 september. Jongstleden zaterdag (opm: 21 september) is te Vlissingen in het dok gekomen de Nederlandse bark GENERAAL MICHIELS, kapt. Visser, komende van Indië met koffij enz., bestemd naar Middelburg. De lading zal te Vlissingen gelicht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 20 augustus. Er zijn thans in onze havens drie Nederlandse schepen, te weten twee in de Algoabaai en een in Simonsbaai, die allen in ontredderde toestand zijn binnengelopen en waarvan een sedert op strand gekomen en een totaal wrak is geworden. Dit laatste vaartuig was de KRIMPENERWAARD, kapt. Kluit, die op de 23e juli, nabij Kaap Receiffe, zo zeer in gevaar verkeerde, dat het om hulp seinde naar de voorbij varende stoomboot CELT, die dadelijk hulp zond en het in Algoabaai binnensleepte. Als beloning voor deze diensten is aan de CELT bij scheidsrechtelijke uitspraak toegekend de som van GBP 3000; doch sedert is aan het schip bovengenoemde ongeluk overkomen.
Voorts de SALATIGA, kapt. Kettler, van Batavia naar Rotterdam bestemd, waarvan wij vroeger reeds uitvoerig rapport hebben medegedeeld.
Eindelijk hebben wij nog te vermelden het Nederlandse barkschip ST. JAN, kapt. Lommerse, op de 3e juni van Batavia vertrokken met een lading koffie en thee naar Schiedam, dat op de avond van de 29e juli de Simonsbaai is binnengelopen met gebroken roer en andere schade ( bevorens gemeld). Het vaartuig had twee-en-twintig dagen lang langs de kust alhier met stormweer te kampen gehad, hetwelk op de 19e juli zo erg was, dat men dacht dat het zonk. Van de ladingen uit deze verschillende schepen zijn sedert een gedeelte verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen 24 september. Volgens telegrafisch bericht is het stoomschip TAURUS, kapt. Romkes, van Antwerpen naar Hamburg bestemd en bij Ellewoutsdijk op het droge gezet - zie ons nummer van gisteren - middendoor gebroken en men veronderstelt dat het totaal weg zal zijn.


26 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Van Egmond wordt van gisteren gemeld dat aldaar was gestrand en verbrijzeld de Engelse brik STANLEY, kapt. Swan, van Shields naar Dordrecht; de lading was weg en van de equipage 2 man omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Volgens rapport van de schipper van de Terschellingse No.1, had hij gisteren op het westeind van Vlieland op 4 vadem water, een schip in nood gezien, waarvan de mast overboord sloeg, vermoedelijk BANDINA, kapt. Pool. Voorts scheen een tjalk en een groot Noors schip verongelukt te zijn, terwijl er veel wrakhout aanspoelde. (opm: zie PGC 01106)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 24 september. Volgens hier ontvangen telegram uit Frederikstad, zit het schip NOORDSTER, kapt. Schaap, aldaar vol water, doch de equipage is gered. (opm: zie MB en NRC van 021067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Het schip JANTJE, kapt. Piek, van hier naar Lübeck, is volgens telegram uit Harlingen van heden, aldaar lek, met verlies van anker, ketting en boot, binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Aangaande het Nederlandse schip KRIMPENERWAARD, kapt. Kluit, van Batavia naar Nederland met schade in de Algoabaai binnengelopen - bevorens gemeld - wordt volgens brief uit Kaap de Goede Hoop, dd. 16 augustus gemeld, dat door arbiters voor hulploon aan het stoomschip CELT was toegestaan GBP 3000. Verder houdt gemelde missive in dat het schip sedert in een zuidooster storm op strand geraakt en totaal weg is. Het wrak met de zich aan boord bevindende lading, 1300 balen koffie, 1000 kranjangs suiker en enig tin, zijn voor GBP 210 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Volgens brief van kapt. Trappen, voerende het Nederlandse schip AZIA, de 4e juli van Batavia herwaarts vertrokken, was hij de 25e augustus te St. Helena gearriveerd en hoopte de volgende dag de reis voort te zetten. Passagiers en equipage waren in goede welstand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Volgens brief van kapt. Schol, voerende het Nederlandse barkschip MARIA VERONICA, de 20e augustus te St. Helena gearriveerd, had hij op 32º ZB en 32º OL, met een zware westelijke storm te kampen gehad, waarbij een stortzee achter de bezaansrust overkwam, welke de hut op dek stuk sloeg en de kajuitskap, het schijnlicht het kompas en toebehoren, de barometer, de bezaansrust, de verschansing van achteren tot de voorkant van het bezaanswant geheel weg nam, terwijl de overige verschansing en poorten zwaar beschadigd werden en enige watervaten van het achterdek, benevens de kippenbanken en een rolpaard met het stuk geschut over boord sloegen. Het koper werd bevonden op enige plaatsen losgeslagen te zijn, echter kon men niet bespeuren het schip meerder water maakte. De gezagvoerder had een gedeelte van de schade te St. Helena zo goed mogelijk hersteld en was hij voornemens de reis naar Nederland met een paar dagen te vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Volgens brief van kapt. Zeelt, voerende het Nederlandse schip KANDANGHAUER, van Batavia naar Amsterdam, de 12e augustus van St. Helena vertrokken, had hij veel oponthoud, ruw- en stormweer op het Kaapse rif ondervonden, waarin schip en tuig veel hadden te lijden; vooral in de storm van 19 juli, waarin door de hoge en moeilijke zee het schip zwaar gewerkt had, en, ofschoon weinig water makende, buitengewoon zwaar had overgehaald, waardoor men zeer veel water zowel te loefwaard als aan lij overkreeg; in die storm ging het galjoen verloren, werd de scheg ontzet, enige verschansingstutten afgeslagen, stukpoorten, bootsklampen en barkzeil stuk- en weggeslagen en meer andere schade geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen,25 september. Volgens telegrafisch bericht uit een van de havens van Jutland is het stoomschip ANNA PAULOWNA, komende van Amsterdam, met gebroken spil en cylinder te Frederikshaven binnengelopen.


27 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 september. Volgens telegrafisch bericht van Vlieland van 26 september, was de vorige dag aldaar gestrand het Pruisische fregat DELPHIN, kapt. Rümcke, van Londen naar Memel; van het volk was slechts één man gered. (Zijnde dit vermoedelijk het schip gisteren gemeld). Ook was een schoener verongelukt, waarvan de naam nog onbekend was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 september. Omtrent het schip KRIMPENERWAARD, wordt nog gemeld dat toen het schip strandde, ongeveer de helft van de lading gelost en het beschadigde verkocht was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 26 september. Heden is alhier binnengekomen het Nederlandse fregatschip GALILEÏ, kapt. Van der Meij, van Batavia laatst van de Algoabaai naar Amsterdam bestemd, met zeeschade en het Engelse brikschip OCEAN, van Odessa naar Rotterdam bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 25 september. Het kofschip BAUDINA, kapt. D. Pool, hier te huis behorende en komende uit Engeland, is volgens hier heden ontvangen telegram gisteren namiddag in de storm voor het Vlie met de gehele bemanning vergaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 24 september. Van de lading uit het Hamburger stoomschip TAURUS, kapt. Romker, van Antwerpen met stukgoederen naar Hamburg bestemd, jl. zondagmorgen op de Westerschelde, op de hoogte van Hoedenkenskerke, met twee Italiaanse barken in aanzeiling geweest en door de bekomen averij genoodzaakt bij de haven van Ellewoutsdijk (Zuid-Beveland) in zinkende staat op strand te zetten, zijn tot heden reeds vijf lichters gelost, waarvan vier grotendeels in beschadigde staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 23 september. Het schip HENRIETTE, kapt. Kuiper, van Brugge naar Londen bestemd, is alhier binnengelopen met verlies van anker en ketting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 25 september. Heden is alhier binnengelopen het Nederlandse kofschip ZWAANTINA, kapt. Nieboer, van St. Petersburg naar Groningen bestemd.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 25 september. Wij hebben het verlies te betreuren van twee hier te huis behorende schepen, waarvan één een zeer smartelijke indruk nalaat.
Gister morgen kwam hier per telegraaf bericht, dat het in de vorige week van hier vertrokken kofschip de NOORDSTAR, kapt. N. Schaap, bij Frederikstad door storm op het strand was geraakt, vol water gelopen en hoogst waarschijnlijk wrak zou zijn De equipage was echter gered.
Heden morgen kwam hier het bericht van de Vlierede, dat het kofschip BOUDINA, kapt. D. Pool (BAUDINA, kapt. D. Pool), met steenkool van Newcastle naar hier, in de Noordzee was gezonken en geen der opvarenden gered. De Vlielander loodsboot No. 1, die gisteren uitgegaan was om het vaartuig binnen te brengen, zag eerst het voorwerk met de mast over boord slaan en kort daarna het schip verdwijnen, meer is er niet van bekend.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. P.H. Roos, deurwaarder te Dronrijp, zal op zaterdag de vijfde oktober 1867, des namiddags ten 3 ure, ten huize van de weduwe Minne Ruurds Braaksma, kasteleinse te Berlikum, verkopen een overdekt gewegerd tjalkschip met roef, genaamd de VRIENDSCHAP, gemeten op een lengte van 8 el 2 palm 8 duim, op een wijdte van 2 el 7 palm 1 duim en op een holte van 1 el 1 palm 9 duim, geijkt op 26 ton en zulks met zeil en treil, anker, touwen, boomen, nieuw watervat en verder toe- en aanbehoren, zoals een en ander thans ter bezichtiging is liggende in de Vaart achter het erf van G.L. Boomsma te Berlikum en op den dag van den verkoop in de Vaart voor het huis van de weduwe Braaksma voormeld. (opm. LC 111067 meldt dat geboden is door scheepstimmerman J. Bijlsma aldaar NLG 265.)


28 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 24 sptember. Het schip HYDRA, kapt. Pott, van Harlingen naar de Oostzee, is alhier lek en met onklare pompen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Van Vlieland wordt van heden per telegraaf gemeld dat omtrent de plaats gehad hebbende strandingen niets naders bekend was. Er was echter een kaartje gevonden waarop in het Engels: “Wij vergaan, schip EDWARD”.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 september. Volgens brief van kapt. Huidekoper Jzn., voerende het Nederlandse schip PADANG PACKET, van hier naar Padang, was hij de 23e dezer, ’s avonds bij St. Helena’s baai wegens stormweer geankerd ( zie ons nummer van gisteren) en de 24e dezer, ’s middags weer van daar vertrokken met noordelijke wind; aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond aan Zee, 24 september. Heden namiddag strandde alhier en sloeg onmiddellijk uiteen de Engelse brik STANLEY, kapt. Wummaster, geladen met steenkolen, van Shields naar Dordrecht bestemd. Van de equipage, uit 6 personen bestaande, zijn 4 man met veel moeite gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 26 september. In de storm van eergisteren is ook nog voor het Vlie gestrand het schip ELPHINE, kapt. Rümke, dat omstreeks middernacht uit elkander is geslagen. Twee man van het scheepsvolk heeft zich op wrakstukken drijvende, trachten te redden, doch slechts één dezer is ’s morgens ten 8 ½ ure behouden op Texel aangespoeld.
Men vreest dat er bovendien nog een groot schip is vergaan, dewijl er overblijfselen van zijn aangedreven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 21 september. Er wordt bericht dat er nog meer van de lading van het schoenerschip ADRIANUS, kapt. Goudswaard, van Antwerpen naar Montevideo bestemd, hetwelk de 24e juni lek alhier is binnengelopen, zal geveild worden om de onkosten voor reparatie te betalen, die zeer groot moeten zijn en nog niet voldaan zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 26 september. Het schip ALIDA, kapt. Borgman, van Termunterzijl naar Noorwegen, heeft, na ankers en kettingen verloren te hebben, achter de Knock een schuilplaats gevonden.


29 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 28 september. Heden is van de werf van de heren F. Kloos & Zonen, scheepsbouwmeesters alhier, met het beste gevolg te water gelaten een nieuw gebouwde houten raderstoomboot, genaamd WESTER-SCHELDE, voor rekening van de provinciale staten van Zeeland en bestemd voor een dienst tussen Vlissingen en Breskens.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 september. Het schip HELENA, kapt. Broers (opm: mogelijk buitenlander), van Langesund met hout naar Jengum, is, volgens brief uit Norden, dd. 26 dezer, de 24e op Juist gestrand en verbrijzeld; de lading grotendeels geborgen; het volk gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 september. Kapt. Van der Mey, voerende het Nederlandse schip GALILEÏ, van Batavia, laatst van Kaapstad herwaarts, als bijlegger te Vlissingen binnengelopen, rapporteert dat met harde noordenwind op de kust bezet geraakt zijnde, door een zware grondzee het galjoen (opm: licht, ondersteunend deel van de boeg, waarop de boegspriet rust) werd weggeslagen en de boegspriet loswerkte, waardoor het gehele tuig dreigde over boord te gaan. Hij zou een en ander uit eigen middelen herstellen en bevestigen en hoopte dan spoedig de reis naar Texel te kunnen vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 28 september. Heden is te Vlissingen met zeeschade in het dok gekomen de Nederlandse bark GALILEÏ, kapt. Van der Meij, van Batavia naar Amsterdam bestemd geladen met suiker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 27 september. Het ijzeren Hamburger stoomschip TAURUS, bij Ellewoutsdijk op strand zittende, zal verloren zijn, daar het doormidden is gebroken, bevorens gemeld. Het voorschip zit op de berm van de zeedijk, doch het achterschip in diep water. Men is voornemens het schip eerstdaags te verkopen. De lading wordt zoveel mogelijk bij laag water er uitgehaald en in zwaar beschadigde staat in lichters overgeladen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Egmond aan Zee in de herberg De Vergulde Valk op dinsdag de 1e oktober 1867, vóór de middag ten 10 ure, van de wrakken van het op dinsdag de 24e september 1867 benoorden Egmond aan Zee gestrande en verbrijzelde Engelse brikschip STANLEY, gevoerd geweest door kapt. Stephen Wim, geladen met steenkolen, komende van North-Shields en bestemd naar Dordrecht; mitsgaders van een daarvan geborgen partij tuigage, masten, rondhout en wrakhout en hetgeen verder gepresenteerd zal worden.


30 september 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 28 september. Ofschoon hier het gerucht liep, dat het te Amsterdam tehuis behorend schip van kapt. Dekker in de jongste storm met al de opvarenden was vergaan, meent men thans te weten dat hij na herstelling van schade reeds van het Vlie opgezeild is naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 25 september. Het galjootschip HYDRA, kapt. Pott, van Harlingen met ballast naar de Oostzee bestemd, is gisteren lek en met onklare pompen door assistentie van het schip HORATIS, alhier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 25 september. Het Nederlandse schip SAPPEMEER, kapt. Rosenberg, van St. Petersburg naar Harlingen, is alhier met schade aan schip en tuigage, verlies van anker en ketting binnengelopen, zijnde onder Bornholm ten anker liggende, door een schoener aangevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ancona, 24 september. Zoals wij in ons nummer van gisteren vermeld hebben, is de 17e dezer alhier van Amsterdam aangekomen het Nederlandse schip WILLEM VAN DER VOORT, kapt. Jaski. Naar men verneemt moet de lading zeer zwaar beschadigd zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Wij zien ons in staat gesteld onze lezers de volgende bijzonderheden aangaande het verongelukken van het Nederlands brikschip SOLIDE, kapt. Den Breems, mede te delen zoals die door een van de leden van de bemanning van dat schip zijn medegedeeld.
Nadat het schip, beladen met stukgoederen, de 13e mei van dit jaar van Nagasaki met bestemming naar Amsterdam en in volkomen goede staat was vertrokken, werd de reis met aanhoudend regenachtig weer, waardoor het niet mogelijk was enige verkenning te krijgen, tot de 24e voortgezet, toen men de noordkust van Formosa in het gezicht kreeg. Daar de wind noord noord oost liep, zette men koers naar het zuidwesten en kreeg men ten 2 ure de Pescadore eilanden in het noorden van hen in het gezicht, waarop men toen naar het westen stuurde, totdat men de noordpunt van gezegde eilanden in het oost noord oosten per kompas op acht mijlen van zich peilde. Vervolgens stuurde men opnieuw westwaarts met een stijve marszeilskoelte. Des namiddags ten 4 ure stootte het schip eensklaps op een gezonken rots. Onmiddellijk braste men de ra’s tegen, om het schip af te brengen, doch daar de eb was ingevallen en het water sterk vallende was, bleek zulks te vergeefs te zijn, terwijl de wind meer en meer in hevigheid toenam, zodat het schip zwaar begon te stoten. Bij de pomp peilde men drie voet water en spoedig daarna stond reeds zes voet water in het ruim. Daar men de onmogelijkheid inzag om het schip vlot te brengen, werden de zeilen opgegeid en de boten in gereedheid gebracht om, zo mogelijk het leven van de equipage te redden en de scheepspapieren en het journaal, de chronometer en kompassen werden het eerst in de boten gebracht. De wind nam echter zo in hevigheid toe, dat het onmogelijk was om langer een boot in de takels te houden, zodat men genoodzaakt was de boten neer te laten en langs de zijde van het schip te brengen. Men liet derhalve de boot met vijf man neer, doch nauwelijks was zij uit de takels of zij sloeg om. Onmiddellijk werden verscheidene lijnen uitgeworpen om de overboord geslagen vijf manschappen te redden, hetwelk met drie van hun gelukte, terwijl de twee anderen door een vissersvaartuig dat in de nabijheid was, in geheel uitgeputte staat werden binnengehaald. Een van die manschappen had zijn been gebroken; het was echter door de duisternis onmogelijk de ongelukkige lijder enige bijstand te verlenen of het schip te verlaten. Tegen middernacht, bij het opkomen van de vloed, werd het schip tot op kenteren toe over zijde geworpen; ten twee ure sloegen de masten over boord en werd het roer geheel uit de haakbouten gestoten, zodat men ieder ogenblik verwachtte dat het schip geheel verbrijzeld zou worden. Met het hoge water werd het wrak vlot en bleef de equipage, op de lading drijvende, met het wrak voortdrijven, aan wind en water ten prooi en met de dood voor ogen, tot des morgens ten vijf ure, toen het schip opnieuw op een rots stootte, bij welke gelegenheid een man van de equipage, met name Philip Brünstrup, overboord geraakte. Des morgens ongeveer ten zes ure kwamen verschillende jonken in de nabijheid van het wrak en daar het de reeds zo uitgeputte equipage onmogelijk was dezelve op een afstand te houden of te verwijderen, namen zij het wrak in bezit. Een van de gezegde jonken bracht de kapitein met de verdere equipage des namiddags ten twee ure op een eiland aan de wal, alwaar de bemanning van die jonk hun nog van de weinige kleren die zij aan hun lichaam hadden beroofden. Twee dagen lang vertoefde de equipage van het verongelukte schip op dat eiland in de open lucht en aan ellende ten prooi, na verloop van welke tijd zij door een oorlogschip genaamd VOLUNTEER werd opgenomen, dat haar te Amoy bracht, alwaar men de 29e mei behouden arriveerde, zonder iets van het schip te hebben vernomen, dat geheel verloren is gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij rechterlijk gezag van het Engelse fregatschip genaamd SULTANA, liggende te Rotterdam in de Vlugthaven, lang, volgens meetbrief, 46 el 65 duim, wijd 6 el 73 duim, hol 5 el 62 duim, en alzo groot 784 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verder scheepsgereedschappen, ingevolge inventaris, gevoerd geweest door schipper William Henderson, ten verzoeke van de heren Turing & Co, kooplieden, doch ten deze niet in die kwaliteit agerende, wonende te Rotterdam, domicilie kiezende ten kantore van de procureur Mr. Gerardus Combertus Burger, aan de Haringvliet, wijk 12, nummer 47 te Rotterdam. Rekwiranten uit krachte van een vonnis, gewezen bij verstek door de arrondissementsrechtbank te Rotterdam den negenden september achtienhonderdzevenenzestig, behoorlijk geregistreerd ten kantore van de heer ontvanger Treussart van Rappard, den zeventiende september daaraanvolgende, in zake van de rekwiranten, als eisers, tegen voornoemde schipper William Henderson, als gedaagde, bij hetwelk deze is veroordeeld, om aan de eisers te betalen een som van zesenvijftig duizend driehonderd vijf gulden zestien cents Nederlands courant, wegens bodemerijschuld, met de interesten/rente en kosten daarvoor onder andere hetzelve schip en toebehoren speciaal verbonden en executabel en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren. De executanten hebben het voorschreven schip en toebehoren ingezet voor een som van vijfduizend gulden. De verkoop zal plaats hebben ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, op woensdag de drieëntwintigste oktober achtienhonderdzevenenzestig, des voormiddags ten elf ure precies. De tot de inventaris behorende chronometer van Barraud, Londen, no. 5253, is te bezichtigen bij de heer P.J. Dupont, horlogemaker aan de Noordblaak 4-132, alhier. De memorie van lasten is gedeponeerd ter griffie van meergemelde rechtbank en kopie daarvan ligt ter visie ten kantore van voornoemde procureur Mr. Gerardus Combertus Burger, bij wie nadere inlichtingen te bekomen zijn.
Rotterdam, 29 september 1867, Mr. G.C. Burger, procureur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. De klipper ’S GRAVENHAGE, met zijn 300 soldaten en 75 passagiers aan boord, laat zich nog altijd wachten; de NOACH, enige dagen voor, de INSULINDE dezelfde dag met, en de KORTENAAR enige dagen na hem gezeild, zijn aangekomen, de ’S GRAVENHAGE niet. Men begint reeds ongerust te worden, hoezeer hij nog maar 104 dagen reis heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. De 31e juli jl. arriveerde ter rede van Batavia het Nederlandse klipper fregatschip INSULINDE, gevoerd door kapt. P.P. Duinker jr., hebbende de reis van Nederland in 89 dagen volbracht. Dit schip deed de wedstrijd met het van hulpstoomvermogen voorziene schip ’S GRAVENHAGE, waarvan men de aankomst nog tevergeefs verwacht. De INSULINDE zeilde de 2e mei uit het Nieuwediep, ondervond bij de aanvang van de reis voortdurende stilte en zeer flauwe zuchtjes; de 4e mei passeerde dit schip Dungeness en de 6e Kaap Lizard aan het einde van Het Kanaal. De ’S GRAVENHAGE verliet Brouwershaven de 2e mei, passeerde de 3e Dungeness en de 4e ’s middags Goudstaart, zodat dit schip de 5e mei ’s morgens vroeg bij Kaap Lizard geweest kan zijn. De ’S GRAVENHAGE verliest daardoor de weddenschap van enige Amsterdammers, groot NLG 12.000, die de INSULINDE als eerstkomende heeft gewonnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Borneo’s westkust, 1 augustus. De KAPOEAS, is dezelfde die nu bijna drie jaren geleden in de rivier zo ongelukkig gestrand en daarna door de bemanning verlaten is. Het vaartuig is nu weer geheel in orde, maar de machine heeft al averij gehad; op de reis hierheen brak de stang van een van de voedingspompen, terwijl op een tochtje van Singkawang hetzelfde de stang van de andere voedingspomp overkwam. De BONI gaat de 15e, na gedurende twee jaar hier gewichtige diensten bewezen te hebben, naar Soerabaja om wellicht afgekeurd te worden. ’t Zou jammer zijn, als een kleine reparatie niet voldoende was om die bodem nog een paar jaar voor de dienst te behouden, want er is geen zo geschikt rivierbootje dat bij zo weinig diepgang zo veel ruimte heeft en daarbij een voldoende snelheid. Die weinige diepgang en het volslagen gemis van een kiel zijn echter oorzaak geweest dat de BONI, bovendien door slecht weer overvallen, dertien dagen reis gehad heeft van Pontianak naar Soerabaja en zelfs nog Samarang heeft moeten aandoen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. Vrachten. De willige stemming bleef aanhouden, zijnde arrivementen van vrachtzoekende bodems voortdurend beperkt. Naar Rotterdam werden opgenomen Nederlands QUARTET à NLG 110 voor koffij, te Menado en Amoerang in te nemen. NOACH bedong NLG 85 voor koffij en suiker, hier en te Cheribon te laden. NEDERLAND is te Samarang aangelegd, doch de juiste rates zijn nog niet bekend. Naar Amsterdam werden gecharterd Nederlands DIONYSIA CATHARINA à NLG 85 voor koffij en suiker, in de Oosthoek te laden. INSULINDE à NLG 85 voor suiker en koffij, NLG 105 en NLG 110 voor lichtgoed, te Semarang te laden. Naar het Kanaal om orders werd opgenomen Nederlands JASON voor suiker en rijst, om hier, te Indramajoe en Cheribon in te nemen tot geheime vracht, denkelijk NLG 90 voor suiker en NLG 82,50 voor rijst. Naar Australië Nederlands ELISABETH à GBP 3,2/6 voor suiker in kranjangs, hier en in de Oosthoek te laden voor Sydney.
Nederlands H. LIDUINA werd te Soerabaja in veiling voor NLG 10.000 verkocht. De inventaris bracht NLG 5340 op.
Onbevracht is nog Nederlands SOERABAIJA PACKET, die nog met lossen te Soerabaja moet beginnen.


01 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 september. Het treurige en volstrekte gebrek aan werk op de scheepstimmerwerven te Londen duurt steeds voort en het is bedroevend waar te namen, dat op de talrijke werven tussen de stoombootsteiger te Millwall en de Victoria Docks geen vier schepen op stapel staan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen door de Arrondissements Rechtbank te Amsterdam op maandag 30 september 1867: het Bremer schoenerschip MARIANNE, gebouwd in 1861, om NLG 24.000 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 26 september. De 24e dezer strandde op Juist het schip HELENA, kapt. Broers, van Langesund naar Jengum bestemd, geladen met hout. Het schip is verbrijzeld, de lading grotendeels geborgen. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 25 september. Het de 21e dezer van hier vertrokken Nederlandse kofschip HERSTELLING, kapt. Panjer, naar Bremen met een lading hout bestemd, is wegens de hevige storm alhier voor noodhaven geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden ontving ik van Semarang het treurige bericht van het onverwacht overlijden van mijn geliefde echtgenoot de heer L.F. van Ruijven, in de ouderdom van 43 jaren, in leven gezagvoerder van het Nederlandse fregatschip PHILIP VAN MARNIX, tot diepe droefheid van mij en mijn enige zoon.
Rotterdam, 29 september 1867, Wed. L.F. van Ruijven - Landzedel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 27 september. Het Nederlandse schoenerschip MARTHA, kapt. Biebericher, alhier van St. Petersburg aangekomen, heeft order bekomen om naar de Maas te zeilen.
AH 011067
Verkoping van schepen. Op maandag 30 september door de Arrondissements Rechtbank, het Bremer schoonerschip MARIANNE (gebouwd in 1861), NLG 24.000.
Procureur J.G. Kuhn


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoping van een schoenerschip. Ten overstaan van notaris J. Piccardt te Hoogezand zal op donderdag 17 oktober 1867, des avonds te 6 uur, ten huize van de logementhouder J.W. Struve te Sappemeer, publiek à contant te koop worden gepresenteerd het in 1861 nieuw uitgehaalde, best onderhouden schoenerschip ANNE, groot 136 ton, met deszelfs complete inventaris, geklasseerd Veritas 3.3 A 1.1, gevoerd door kapt. R.G. Klein, thans liggende te Groningen. Te bevragen bij de heren Wijnne & Barends aldaar en inmiddels uit de hand te koop bij de heer J.D. Romkes te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 26 september. Het schip HOUDINA, kapt. Pool, van Engeland komende, is bij Vlieland gestrand, een man werd gered. Een ander bericht zegt, dat dit schip met man en muis is vergaan. (opm: zie NRC 260967)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 29 september. Terwijl dit bericht geschreven wordt, hebben wij weder storm weder, en doet het ons denken aan de zeeman, die daar buiten op onze kusten zwerft; want in de storm van l.l. dinsdag zijn verscheidene schepen gebleven. Maakten wij in ons vorig bericht melding van het vergaan met man en muis der NOORDSTAR, binnenkomenden verklaarden later, dat zij door enige menigte hout en wrakhout waren gezeild. Onder meer is bij Terschelling vergaan een Pruisische bark met vijftien opvarenden. Slechts één man werd daarvan op een bijna wonderdadige wijze gered. Hij had zich op een wrakhout aan de golven overgegeven, terwijl zich een kameraad in dezelfde omstandigheid in zijne nabijheid bevond. Beide spraken elkander moed in, tot zij eindelijk door de reddingboot werden opgenomen, doch de kameraad als lijk, nog aan het hout vastgeklampt. Een bijzonderheid dezer schipbreuk mogen wij niet verzwijgen. Onder de aangespoelde goederen van de bark, wier naam en bestemming ons nog onbekend is, bevonden zich zes kisten, waaronder vijf ledig. De volle behoorde aan de geredde, waarin zich geschenken voor zijne familie en vooral zijne zuster bevonden. Van de bemanning heeft hij dus niet alleen zijn leven, maar ook zijne goederen behouden.


02 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 oktober. De schepen SINIUS, kapt. W. van Wijngaarden, van Rees en OCEANUS, kapt. Springer, beiden gemeld als te Cádiz gearriveerd ( zie ons vorig nummer) zouden naar Vigo moeten verzeilen om quarantaine te houden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 30 september. Volgens ontvangen bericht was het schip ZEELANDIA, kapt. Botesz, na een voorspoedige reis van Sydney, de 13e augustus in de nabijheid van Pattey (Japara) in de modder vastgeraakt. Men zou trachten, door zich van een gedeelte van de kolenlading te ontdoen, vlot te komen. Het schip zit overigens niet gevaarlijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 1 oktober. Gisteren is ter rede van Veere binnengekomen de galjoot DE TWEE GEBROEDERS, kapt. Persoon, van Newcastle naar Middelburg met kolen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rønne, 27 september. Het schip NOORDSTER, kapt. Brouwer, van Riga naar Harlingen bestemd, geladen met hout, is aan de grond gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 27 september. Het schip SAPPEMEER, kapt. Rosenberg, van St. Petersburg naar Harlingen bestemd, is heden alhier met gebroken kluiverboom en kraanbalken binnengelopen, alsmede schade aan zeilen en tuig en verlies van een anker en ketting, welke het heeft moeten laten slippen, doordat het aangevaren is toen het bij Bornholm ten anker lag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. Het schip H. LIDUINA, werd te Soerabaja in veiling voor NLG 10.000 verkocht; de invertaris bracht NLG 5.340 op.
MB 021067
Advertentie. Op vrijdag de 11e oktober a.s. des voormiddags ten 10 ure, zal in opdracht van consul Thiis voor alle geïnteresseerde marktpartijen een openbare veiling worden gehouden, welke zal plaatsvinden bij het Havenkantoor van Frederikstad, van het in de nabijheid van Torgauten, bij de westelijke ingang van Frederikstad liggende scheepswrak van de Nederlandse kof NOORDSTER, draagvermogen ca. 42 commercielasten, met bezaanmast, boegspriet en roer. De voorwaarden van de veiling kunnen worden opgevraagd, waartoe belangstellenden worden uitgenodigd.
Scheepvaartkantoor Tune, 28 september 1867, I.C. Blom


03 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping te Middelburg. De makelaar J.J. de Kanter, als last hebbende van zijn meesters, zal te koop aanbieden op zaterdag de 19e oktober 1867, des avonds ten half zeven uren precies, in de bovenzaal van de sociëteit De Vergenoeging op de Groote Markt, het snelzeilend kopervast Nederlands barkschip MARIA, laatst gevoerd door kapt. E.N.F. van Wulven, bekleed met geel metaal, lang over steven 33,86 ellen, wijd 6,00 ellen, hol 4,98 ellen, groot 380 tonnen, hoogte tussendeks 2,00 ellen, te water gelaten ten jare 1854, met al de bij het schip behorende rondhouten, staand en lopend want, ankers, zeilen en verdere inventaris. Het schip is geclassificeerd bij Veritas 5/6 L. 1.1. en bij de Vereeniging van Nederlandsche Assuradeuren A 1. De verkoping zal geschieden ten overstaan van de notarissen P. van de Graft en L.L. Woutersen. Het schip is te bezichtigen twee dagen vóór en op de verkoopdag, des morgens van 9 – 12 en des namiddags van 2 – 6 uren, op vertoon van een toegangskaart, verkrijgbaar bij bovengenoemde makelaar, bij wie ook afdrukken van de inventaris en nadere inlichtingen te bekomen zijn.
De bij het schip behorende chronometer van Barraud, Londen, nummer 2016, zal afzonderlijk worden geveild.
Nog zullen afzonderlijk worden geveild: twee chronometer, als 1 achtdaagse van Arnold en Dent, Londen nummer 1211 en 1 eendaagse van Charl. Frodsham, Londen, nummer 2636.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 oktober. Het schip JOHANNA, kapt. Verduyn, van Shields te Singapore aangekomen, heeft de 8e augustus door aanvaring van een uit zee terugkerend stoomschip het voortuig verloren en belangrijke schade aan het hol bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 oktober. Het Franse schip DORADE, kapt. Allain, van Lulea met hout naar Cannes, is, volgens telegram uit Terschelling van gisteren, gestrand. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 26 september. Het stoomschip ANNA PAULOWNA zal hier blijven. De beschadigde delen van de machine zullen ter reparatie naar Kopenhagen gezonden worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 28 september. Het Nederlandse kofschip BORDEAUX, kapt. Ouendag, van Montrose met een lading haring naar Koningsbergen bestemd, is met verlies van de fokkemast, want enzovoort, alhier voor noodhaven binnenlopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 28 september. Volgens telegrafisch bericht is het schip JULIANE, kapt. Neuman (opm: vermoedelijk buitenlander), met een lading meel naar Brahéstadt bestemd, door de Engelse stoomboot PETERSBURG overzeild geworden en vol water alhier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nexö, 27 september. Het schoenerschip NOORDSTER, kapt. Brouwer, is op reis van Riga naar Harlingen de 25e dezer bij Gudhjem (opm: O-kust Bornholm) gestrand. Het schip is verbrijzeld en de lading is slechts gedeeltelijk geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 30 september. Het brikschip EINIGKEIT, kapt. Boon (opm: vermoedelijk buitenlander), hetwelk de 27e dezer des avonds van hier vertrokken is, is gezonken; 4 man van de equipage zijn door een Nederlands kofschip HILLECHIENA WILKENS, kapt. Karsies, van Noorwegen naar Termunterzijl bestemd, gered, hetwelk alhier is binnengelopen; de andere 4 man hebben zich in de grote boot begeven en konden het kofschip niet bereiken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 30 september. Volgens telegrafisch bericht is op Norderney gestrand het schip SOPHIA CATHARINA, kapt. Wiers (opm: vermoedelijk buitenlander), met een lading stangijzer naar Emden bestemd. De equipage is nog aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tönning, 30 september. Het Nederlandse kofschip HOOGEZAND, kapt. Van Driesten, geladen met steenkolen, is alhier met verlies van ankers, ketting, zeilen, boot, watervaten en andere schade aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 27 september. Het de 24e dezer alhier voor noodhaven teruggekeerde Nederlandse kofschip HERSTELLING, kapt. Panjer, is heden weder naar zee gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 29 september. Het galjootschip HERMANUS THEODORUS, kapt Wilminck, van St. Petersburg met een lading lijnzaad naar Christiania bestemd, is in het Kattegat met een onbekend schip in aanvaring geweest en kwam hedenmorgen vroeg alhier op de rede terug; het heeft boegspriet en Spaanse ruiter gebroken en schade aan het galjoen, zeilen en touwwerk bekomen. Het zal in de haven gehaald worden om de geleden schade te herstellen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 30 september. Het schip WILLEM VAN DER VOORT, kapt. Jaski, te Ancona aangekomen, heeft schade aan de lading.


04 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden. Soerabaja, augustus 1867. Geachte redacteur! Vergun mij een plaatsje in uw geacht blad om de aandacht van de rederijen te vestigen op een onderneming, hier onlangs tot stand gebracht en van groot gewicht voor de Nederlandse scheepvaart. Ik twijfel er niet aan, of uw welwillende tussenkomst zal strekken, om aan deze zaak de ondersteuning te verzekeren van de Nederlandse reders die zo gedurig blijken van energie en zucht tot ontwikkeling geven. Deze onderneming is de Javasche Stoomsleepboot-Maatschappij, welke in het begin van dit jaar in Straat Sunda de eerste sleepboot vestigde, met het doel om de schepen door deze wereldpassage tijdens windstilte of tegenwind de behulpzame hand te bieden. De daar gestationeerde sleepboot is de SEMIROE met een effectief stoomvermogen van circa 150 paardenkracht. Het langdurig oponthoud, dat door schepen in Straat Sunda ondervonden kan worden, is van te algemene bekendheid, om daarbij lang stil te staan. Een andere sleper, de ARDJOENO, geheel aan de SEMIROE gelijk, is gestationeerd op onze rede (opm: van Soerabaja). Ik acht het niet ondienstig iets meer van derzelver lokale omstandigheden mee te delen, om daardoor het voordeel te doen uitkomen, aan die dienst verbonden. In Straat Madura storten zich de twee grootste rivieren van Java, de Solo en de Kedirie, uit. Grote hoeveelheden modder worden door deze rivieren aangebracht en zouden de Straat allicht geheel onbevaarbaar maken, zo niet de sterke stroom de modder van de Solorivier noordwaarts, die van de Kedirierivier zuidwaarts voerde, buiten de oostelijke ingang van de Straat. Het gevolg is dat er bij de noordelijke ingang, bij Oedjong Pangka, een bank is ontstaan, waarop bij laagwater slechts 10 Rijnlandse voet gepeild wordt, terwijl bij hoog water de omstandigheden al zeer gunstig moeten zijn, zo een schip met 16 voet diepgang de bank kan passeren. Aan de oostzijde van Soerabaja heeft de Kedirie een bank gevormd, waarop bij laag water 13 water staat, bij hoog water onder de gunstigste omstandigheden 20 tot 22 voet. Deze banken zijn respectievelijk ongeveer 18 Engelse mijlen van onze rede verwijderd. Om de moeilijkheid als het ware te verhogen, valt in het Westgat het hoge tij niet zelden tezamen met de sterke zeewind, zodat men dan òf in een zeer nauw ondiep vaarwater moet kruisen, òf rondom Madura gaan, hetgeen altijd enige dagen kost. In het Oostgat worstelen vaak zwaar beladen schepen tegen de oostmoesson en de voorbeelden zijn niet zeldzaam, dat een schip 4, ja zelfs 6 dagen behoefde om de uiterton te bereiken. Zowel oost- als westwaarts sleept de boot de schepen in 4 tot 6 uur uit, zodat zij de reis enige dagen verkort. Als time money is, recommandeert de zaak zich zelf daardoor genoegzaam. Toch wordt er dat gebruik niet van gemaakt, dat men tevoren mocht verwachten; toch brengt menigeen dagen op de bank nutteloos zoek. Wat is daarvan de reden? Stappen nagenoeg alle vreemde schepen over de, uit de aard der zaak, hoge onkosten heen en gebruiken zij bijna zonder uitzondering de boot slechts niet, om buiten de ton, maar zelfs naar de oostelijk gelegen kustplaatsen gebracht te worden, de Nederlandse gezagvoerders zeggen veelal, niet tot de hoge uitgave gerechtigheid te zijn, al zien ze het voordeel van de zaak in; en hoe nuttig de sleper ook zij, teveel ligt hij werkeloos op de rede, om een gunstig resultaat aan de ondernemers te geven. Het is daarom, geachte redacteur ! dat ik u beleefd verzoek, het bovenstaande publiek te maken en daardoor de reders in staat te stellen, te onderzoeken of deze zaak werkelijk voordeel oplevert. Doet zij dat, dat dan ook de rederijen in haar eigen belang krachtig de hand tot medewerking uitstrekken! Dat zij dan ook het hare doen tot instandhouding en ontwikkeling van een zaak, in het belang van de Nederlandse scheepvaart tot stand gebracht. Geloof mij met de meeste onderscheiding, Uedele dienstwillige dienaar, C.J. van Bueren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 2 oktober. Volgens telegrafisch bericht is het schip (opm: kof) BARBARA JONKER, kapt. J. Oltmans, van Groningen met een lading haver naar Ipswich bestemd, gisteren op Longsand aan de grond gekomen, is zonder assistentie vlot geraakt en in een zinkende staat verlaten. De equipage is alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 1 oktober. Volgens telegrafisch bericht is het Amsterdamse stoomschip VESTA, kapt. Zuidema, met ijzer van Stockholm naar Amsterdam bestemd, met schade aan de ketel alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wyck (auf Föhr), 1 oktober. Volgens telegrafisch bericht is bij Horsens gestrand het kofschip MARIGRETE (?), kapt. H. Meiners (opm: vermoedelijk buitenlander), geladen met steenkolen. Nadere bijzonderheden ontbreken nog.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een in besten staat zijnd tjalkscheepje, groot 25 ton, met zeilage en tuigage. Te bevragen bij H. Schotsman, scheepsbouwmeester te Workum.


05 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 oktober. Volgens ontvangen bericht per mail dato 7 september ll., was het clipperschip met hulpstoomvermogen ’s-GRAVENHAGE, kapt. Bok, de 31e augustus ll., van Rio de Janeiro naar Batavia vertrokken. Passagiers en troepen waren in de beste welstand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 3 oktober. Heden is alhier uit zee lek teruggekomen het Nederlandse schip ZEEMANSHOOP, kapt. Dekker, met bestemming naar St. Thomas. Nadere bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 2 oktober. Heden is alhier in de haven gekomen het schoenerschip HENDRIKA, kapt. Kuiper, van Middlesbrough naar Riga bestemd en geladen met spoorijzer. Het is lek en zal door duikers onderzocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 7 september. Het schoenerschip MARIA, kapt. J. Beekman, van Rio Grande naar alhier bestemd, is de 28e augustus, nabij Marambaia (opm: psn 23 04 Z 43 43 W) verongelukt. Een gedeelte van de lading is gered. Volgens een ander bericht zijn er pogingen aangewend om het schip af te kunnen brengen. (opm: zie ook PGC 081067)


07 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 6 oktober. Gisterenmiddag is te Vlissingen uit het dok gehaald het Nederlands driemastschip (opm: fregat) GALILEÏ, kapt. Van der Meij, onlangs met zeeschade aldaar binnengekomen. Het schip gaat buitenom naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 4 oktober. Het Nederlandse kofschip ECLIPTICA, kapt. Hoeksma, van Groningen naar Newcastle bestemd, is heden alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 3 oktober. Het kofschip CATHARINA, kapt. Frerksen (opm: waarschijnlijk buitenlander), is voor enige dagen op het Sand-Insel bij Helgoland gestrand en verbrijzeld. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dieppe, 3 oktober. Het stoomschip ARY SCHEFFER, kapt. Day, van Rotterdam naar Havre bestemd, is gisteren door het stoomschip JOSEPH STRAKER alhier binnengesleept. Laatstgenoemde ontmoette het op omstreeks 24 mijlen van deze haven met beschadigde machine.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Boelen, makelaar, zal op maandag 21 oktober 1867 te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: het in 1859 nieuw gebouwde duikerschip, genaamd DE HOLLANDSCHE DUIKER, lang 20,5 Nederlandse ellen, breed 6,70 Nederlandse ellen, diep 2,25 Nederlandse ellen en gemeten op 183 Nederlandse tonnen, met deszelfs duiker-toestellen, stoommachines, luchtpomp en inventaris, hebbende gediend tot het ophalen van schatten uit het wrak van het bij Terschelling gezonken schip LUTINE. Het duikerschip is te bezichtigen te Alkmaar tot 10 oktober en vanaf 14 oktober tot de verkoop te Amsterdam in het Oosterdok. Informaties zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaar of bij de cargadoors Floris der Kinderen en Zoon te Amsterdam.


08 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Van Terschelling wordt van de 6e oktober per telegraaf gemeld dat aldaar gestrand was de Franse schoener ANNE, kapt. Brouard, van Frederikstad naar Nantes.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Op de Roode Tonnen plaat was gestrand het schip DE HOOP, kapt. Ouwehand, met stukgoederen, van Amsterdam naar Port à Port en Lissabon. De kapitein had de assistentie van een stoomboot geweigerd. (opm: zie NRC 101067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Volgens brief van Oostmahorn van de 4e oktober, was de eerste dito beoosten Schiermonnikoog gestrand het wrak van een masteloos vissersvaartuig, waarop geschilderd was SCHEVENINGEN. Aan boord van hetzelve zijn drie lijken gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Volgens brief van Delfzijl van de 5e oktober, waren op Juist en Borkum twee met hout beladen koffen gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 oktober. Heden is op de Roode Tonnen plaat, nabij deze plaats, gestrand de Nederlandse kof DE HOOP, kapt. Ouwehand, met stukgoed van Amsterdam naar Lissabon. Het heeft schuiten tot assistentie bij zich. (opm: zie NRC 101067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 oktober. Nabij Vlie gestrand de Franse brik GEORGES, kapt. Cardines, met hout van Zweden naar Caen. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 5 oktober. De Hamburger stoomboot TAURUS, bij Ellewoutsdijk op het strand zittende, is gisteren aldaar met de nog inhebbende lading, machine enzovoort, in publieke veilling aan de heer Tak te Goedereede verkocht voor NLG 405.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 5 oktober. Het schip (opm: schoener-brik) MARIA, kapt. J. Beekman, van Rio Grande naar Rio de Janeiro, is 28 augustus bij Marambaia (opm: positie 23º 04’ ZB en 43º 43’ WL) gestrand, doch een gedeelte der lading is geborgen. Volgens een ander bericht tracht men het af te brengen.


09 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam op maandag 7 oktober:
-          Het barkschip MENTOR, gebouwd in 1852, kapt. H.W. Butenuth: NLG 17.000, in slag NLG 3500. Koper P. Reineke
-          Het barkschip KOOPHANDEL, gebouwd in 1844, kapt. G. Verseeff: NLG 9.100, in slag NLG 500. Koper A. Vinke.
-          Het praamschip VROUW ELBERTHA: NLG 520, in slag NLG 3,. Koper P.H. Craandijk.
-          Een aandeel à NLG 250 in de Sleepdienst-Reederij aan het Nieuwe Diep: 82 pCt., in slag 3 pCt. Koper P. Reineke.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 7 oktober. Het voor ’s rijks dienst afgekeurde fregat SAMBRE, dat in publieke veiling de verlangde som niet kon opbrengen, zal nu voor rekening van het rijk worden gesloopt, waartoe een vijfentwintig tal werklieden tijdelijk zijn aangenomen, die heden daarmee reeds een aanvang hebben gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hull, 7 oktober. Het stoomschip SWANLAND, heeft alhier aan wal gezet de equipage van het Nederlands galjootschip NIESSIENA, kapt. Veldman, van Frederikstad naar Termunterzijl bestemd, welk schip de 1e dezer, nadat het met een Frans brikschip in aanvaring is geweest, is verlaten; naar men veronderstelt is het laatstgenoemde schip gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 5 oktober. Heden is van hier vertrokken het schoenerschip HENDRIKA, kapt. Kuiper, van Middlesbro’ naar Riga bestemd, nadat het eerst door een duiker is onderzocht geworden.


10 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Het schip VERTROUWEN, kapt. Wesselink, met molenstenen en schors, van Amsterdam en Elburg naar Kopenhagen, de 30e september van Elburg vertrokken, heeft in het val van Urk beide ankers en een gedeelte ketting verloren en is de 5e oktober te Lemmer binnenlopen, om het verlorene te vervangen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Het Nederlandse schip DE HOOP, kapt. Ouwehand, van hier naar Lissabon en Port à Port, bij Terschelling op de Roode Tonnen plaat gestrand - vroeger gemeld - is volgens telegram uit het Nieuwediep van gisteren vlot geworden en aldaar in de haven gekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mollösund, 8 oktober. Een Nederlands kofschip (opm: NIJSSIENA, kapt. J.K. Veltman) is heden voormiddag door vissers te Käringö (opm: positie 58º 07’ NB en 11º 22 O’L) binnengebracht. Het was zowel aan de romp als aan het tuig zwaar beschadigd en ogenschijnlijk met hout geladen. Nadere bijzonderheden ontbreken. (opm: zie PGC 171067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 augustus. Het Nieuw Bataviasch Handelsblad deelt het volgende verhaal mede aangaande de schipbreuk van DE SOLIDE :
De Nederlandse brik DE SOLIDE, kapt. L. den Breems, te huis behorende te Amsterdam, bestemd naar Rotterdam en geladen met Japanse goederen, zeilde met gunstige gelegenheid, ofschoon bij mistig weder, op de 13e mei jl. de haven van Nagasaki uit. Spoedig trok de mist op, en de kapitein dacht in drie dagen op de hoogte van Shanghai te zijn. Maar opeens veranderde het weder. De lucht betrok, en er viel een dichte regen.
Gedurende acht dagen waren alle waarnemingen onmogelijk. De kapitein liet het schip bijleggen, en eindelijk brak op de 24e mei de zon door. Naar gissing bevond men zich toen op 23º 54`NB. en 19º 18`OL. De gelegenheid werd nu gunstiger; het schip liep 7 à 8 mijlen, toen het bij de Pescatorie- eilanden (opm: Pescadores Eilanden) kwam. Des namiddags van diezelfde dag werd de laatste rots van die eilandengroep gezien, toen op eenmaal het schip een hevige schok onderging, die door een tweede nog heviger gevolgd werd. Er stond een vreselijke branding, en de zee sloeg telkens over het schip heen.
De kapitein liet de zeilen opgijen en de boten uitzetten. Het water drong tot in de kajuit. Het was toen een heldere lucht en klaar dag
Van de rotsen zag men een boot het schip naderen, men meende om hulp te verlenen; op een halve scheepslengte genaderd, zag men de vijf opvarenden zich te water begeven, die het schip zwemmende bereikten. Nauwelijks waren zij aan boord, of zij drongen de kajuit binnen, waar zij alles openbraken. Er bevonden zich slechts 2 passagiers aan boord, de heer S. en een Engelse jonge dame. De grote boot werd uitgezet; daarin werden de scheepspapieren geborgen, en de heer S. werd door de kapitein gelast zich daarin te begeven met enige van de equipage. De kapitein wilde het schip niet verlaten, en de dame vond het no fashion, om zich met die mannen in een bootje te wagen.
De zee stond hol, en de branding was vreselijk. Het schip viel geheel op zijde; de masten lagen op het water, zodat alles wat zich op het dek bevond te water ging. De kapitein, de Engelse dame en de overigen van de equipage klommen op de kiel van het schip. Enige minuten zag men de boot, waarin de heer S. zich bevond, tegen de golven worstelen en toen omslaan. Enigen, waaronder ook de heer S., wisten zich te redden op stukken hout, als de kajuitskap, de kippenhokken, en bereikten alzo de rots.
De heer S. was geheel bewusteloos, in welke toestand hij 2 uren bleef. Toen hij tot zich zelve kwam, zag hij de hofmeester bij zich staan, die hem alles behalve vertroostende berichten mededeelde betreffende de bevolking, die men de rots naderen zag.
Zij werden nu naar een ander eiland overgebracht, waar zij de kapitein met enige der scheepslieden terugvonden. Dertien waren nu gered; de overige elf personen, waaronder ook de lady, waren in de golven omgekomen. Het portret der dame was aan land gespoeld, en de heer S. heeft het bewaard.
De geredden werden van alles wat zij bij zich hadden beroofd : horologien, kleinodien, geld, alles werd hen ontnomen ; zij moesten hard werken, roeien en de grond spitten, en kregen slechts weinig te eten.
Gelukkig duurde die toestand slechts vier dagen. Een Chinees oorlogsschip, met een Engelse kapitein als supercarga en een Engelse machinist aan boord, merkten de tekenen, die zij gaven.
Een gewapende sloep haalde hen van het eiland af: voorkomend werden zij aan boord van het reddende vaartuig behandeld en behouden te Amoy aan wal gezet.
De kapitein moest zich naar Shanghai begeven met het overgebleven scheepsvolk, ten einde zich aangaande het gebeurde te verantwoorden.
De heer S. ondervond alle ondersteuning van de Nederlandse consul te Hongkong en werd van geld en klederen voorzien. Van daar vertrok hij met het Nederlandse schip JACOBA HELENA, kapt. J.J. Swart, naar Batavia, waar hij enige dagen geleden behouden aankwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 augustus. Vrachten. Tot NLG 85 voor koffie en suiker en NLG 80 voor rijst, hier en te Tagal te laden, werd de SUSANNA opgenomen naar Amsterdam. Door de Factory werd de ZEENYMPH tot NLG 90 gecharterd naar Amsterdam, bewesten Samarang te laden. Daarna bedongen de CATHARINA MARIA en de SOURABAIJA PACKET ook NLG 90 voor koffie en suiker.
Indien de particuliere schepen, die verwacht worden, niet allen tegelijk binnenlopen, geloven wij wel, dat de vrachten zich op de tegenwoordige koersen zullen staande houden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 4 oktober. Kapt. Mulder, voerende de schoener BAREND, van Archangel te Hamburg aangekomen, rapporteert op 55º20’ NB en 04º10’ OL gezien te hebben een ogenschijnlijk kleine schoener, drijvende met de kiel naar boven.


11 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 8 oktober. Het schip LOUISE is op de hoogte van Hirtshals verongelukt. Nadere bijzonderheden ontbreken nog.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 8 oktober. Het Nederlandse kofschip VROUW CLARA, kapt. Smaal, van Frederikstad naar Delfzijl bestemd, is heden alhier binnengelopen; het schip is lek en heeft de deklast verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 8 oktober. Volgens telegrafisch bericht is een stoomschip, van Hamburg komende, met vee en pruimen geladen, bij Rottum gestrand. Nadere bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 1 september. Het schip EARLY MORN, van Hongkong naar hier bestemd, is de 21e augustus, een weinig buiten deze haven, in aanvaring geweest met het Nederlandse schip KOFFIJBOOM. Laatstgenoemd schip was van hier naar Batavia bestemd. De EARLY MORN heeft de kluiverboom, voorsteng, enz. daarbij verloren.


12 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 oktober. Heden is met het beste gevolg door Gebr. van de Wetering, scheepsbouwmeesters te Delfshaven, te water gelaten de bunvissloep genaamd ACTIEF, gebouwd voor rekening van de heren Kwak & Zoon te Zwartewaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 oktober. Zr.Ms. raderstoomschip BORNEO, onder bevel van de luit.t.zee der 1e klasse D.L. Feldmann, is in de morgen van de 11e dezer van de rede van Texel naar zee vertrokken ter opvolging zijner bestemming naar Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 10 oktober. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Nieuwenhuijs, is, gereed liggende tot vertrek naar Macassar, door het schip MARIA ELISE, kapt. Van Deursen aangevaren, en heeft daarbij enige schade bekomen, die de kapitein hoopte dat de volgende dag hersteld zou zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 9 oktober. Heden is alhier binnengekomen het schip FREDRIK HENDRIK, kapt. Mulder, van Frederikstad; het rapporteert op 54º NB. en 57º OL. (opm: de lengte is foutief; deze positie ligt ca. 1000 km ten oosten van Moskou!), in zee te hebben gezien een vaartuig, vermoedelijk een schoener, onderste boven, waarschijnlijk drijvende voor ketting en anker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 9 oktober. Het schip ELIZABETH, kapt. Zeven, is hier heden tot aller blijdschap goed en wel met de equipage binnengekomen, ofschoon een telegram dezer dagen had bericht, dat dit schip zonder bemanning aan de Zweedse kust was aangespoeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 oktober. Heden is alhier binnengekomen het Nederlandse brikschip JUNO, kapt. Stokhuizen, van Montevideo, laatst van Falmouth naar Antwerpen bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 9 oktober. Heden zijn de navolgende schepen alhier binnengelopen, als: het tjalkschip REENA, kapt. Munneke en CHRISTINA DE VRIES, kapt. Van der Werp, beide van Dantzig naar Groningen bestemd, alsmede het Pruisische tjalkschip ANNA GESINA, kapt. Wachter, van Leba naar Amsterdam bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 9 oktober. Het Nederlandse schoenerschip HEERENVEEN, kapt. Prins, van Petersburg alhier aangekomen, heeft order bekomen naar Amsterdam. Het Nederlandse galjootschip DOGGERBOOT, kapt. Gnodde, alhier van Memel aangekomen, wacht alhier op orders.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 oktober. Het schip VERTROUWEN, kapt. Wesselink, van hier en Elburg naar Kopenhagen is op 5 dezer te Lemmer binnengelopen, het heeft in de val van Urk beide ankers en een gedeelte ketting verloren, om in een en ander te voorzien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zoltkamp, 10 oktober. Van de werf van scheepsbouwmeester S.H. Woldringh is gister met goed gevolg te water gelaten een barkschip dat gevoerd zal worden door kapt. M.Woldringh van de Breede, groot plm 180 last. (opm: dit zal de HUNSINGO zijn)


  JB - Javabode

Batavia, 12 oktober. Naar men verneemt, heeft de kapt.t.zee Eischer, commandant van Zr.Ms. stoomschip WATERGEUS, een Chinese zeerover genomen en 12 slaven bevrijd.


13 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 oktober. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende vier schepen, als:
Voor Rotterdam : JOHANNA ANTONIA, kapt. G. C. H. Withoft.
Voor Amsterdam : MAASSLUIS, kapt. J. G. Kuchler; ELISABETH EN JACOBA, kapt. A. H. Zwaneveld.
Voor Middelburg : JULIA, kapt. J. J. van Loon.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 oktober. Heden morgen ten ruim 10½ ure is het klipper- fregatschip WILLEM POOLMAN, kapt. Van Hoogstraten, van de rederij Van Zeijlen en Decker, liggende aan de Willemskade, plotseling door de rankheid van het schip naar de buitenzijde (Maaszijde) omgevallen. Door spoedig aangebrachte lijnen en takels is men er in geslaagd het ten circa 12 ure wederom recht te halen. Ongelukken hebben daarbij niet plaats gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 oktober. Het Engelse stoomschip IRONMASTER, opkomende van Hellevoetsluis, is heden namiddag, tussen Schiedam en Delfshaven aangevaren door het van hier vertrokken Engelse stoomschip PACIFIC, ten gevolge waarvan eerst gemelde schip is gezonken. Persoonlijke ongelukken hebben geen plaats gehad. (opm: de IRONMASTER was op 12 oktober van Middlesbrough te Hellevoetsluis aangekomen. Het schip werd gelicht, verkocht, gerepareerd en kwam als MARTINUS EN HENRIETTE onder Nederlandse vlag)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Great Yarmouth, 10 oktober. Het Nederlandse schoenerschip MARIA, van Londen naar Middlesbro bestemd, is heden alhier voor noodhaven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 3 oktober. Het schip BRITANNIA, kapt. Valk, van Newport naar Riga bestemd, is heden alhier voor noodhaven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 9oktober. Het schip CATHARINA, kapt. Wilkens, van Newcastle bestemd, is de 3e dezer op 54º NB. en 06º OL., door de equipage verlaten geworden.


14 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Naar men ons verzekert, is het overhellen van het klipper- fregatschip WILLEM POOLMAN, kapt. Van Hoogenstraten, waarvan wij gisteren melding gemaakt hebben, niet door de rankheid van het schip veroorzaakt, maar door het opbreken der lading aan stuurboordzijde, terwijl die aan bakboordzijde nog ongebroken en daarenboven groter was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 13 augustus. De stoomboot JAVAAN is gisteren op vendutie verkocht voor ruim NLG 4.000 en het schip H. LIDUINA heden voor NLG 10.000 aan de heer Janssen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 23 augustus. Men verneemt uit een goede bron, dat het stoomschip PETER LANDBERG, gezagvoerder Van den Steen, in Japan verkocht is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 oktober. Het schip FORTUNA, kapt. Hoogewerff, ter rede van Livorno zeilklaar liggende naar Vlaardingen, heeft in een aldaar geheerst hebbende storm zeilen, anker en ketting verloren, en is weder in de haven gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 11 oktober. Gisteren is na geëindigde reparatie alhier uit de haven vertrokken het kofschip HYDRA, kapt. Pot, van Harlingen naar de Oostzee bestemd.


15 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoogezand, 14 oktober. Dezer dagen is alhier van een der scheepstimmerwerven van de heer I.A. Hooites met het beste gevolg te water gelaten het brikschip genaamd JACOB DEN BREEMS, groot ongeveer 130 rogge lasten, gebouwd voor rekening van de heer M. de Breems te Vlaardingen, en gevoerd zullen worden door kapt. W. van Gelderen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding van Itse Geerts Kok, wed. Hendrik Bartelds Nieveen, voor Reinder Egberts Brouwer, van beroep scheepskapitein, met zijn echtgenoot Grietje Bartelds en hunne kinderen, met name Geertruida Wilhelmina de Vries, Jan en Ida Egberdina Brouwer, allen vroeger wonende te Groningen, doch thans afwezig:
-          Aangezien de gedaagden met hunne kinderen aan boord van hun schip, genaamd de VROUW GRIETJE, in den jare 1863 hunne woonplaats te Groningen hebben verlaten.
-          Aangezien volgens ingekomen bericht, het genoemde schip met zijn bemanning 30 augustus 1863 - - - - - (onleesbaar) (opm: het schip was onderweg van Pillau naar Bremen; zie Kroniek 1863)
-          Aangezien genoemd schip nooit ter bestemde plaatse is aangekomen en hoegenaamd sinds die tijd noch van het schip noch van de bemanning enig bericht is binnengekomen, hetwelk onmogelijk is te achten, indien niet het schip met man en muis vergaan was.
-          Aangezien dit vermoeden bovendien wordt versterkt doordien volgens in de couranten opgenomen zeetijdingen aan de Oostzeese kust is komen aandrijven een naambord waarop geschilderd stond VROUW GRIETJE,
Te verschijnen om van hun in leven zijn te doen blijken (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dagvaarding ten verzoeke van Tjaardina van Elfringhof, bakkerse, thans wonende te Zuidlaarderveen, met hare na te melden echtgenoot gewoond hebbende te Hoogezand, bestemd voor Jan Warners, schipper, gewoond hebbende te Kalkwijk, gemeente Hoogezand, thans woonplaats onbekend:
-          Aangezien de gedaagde op 14 maart 1856 van daar met zijn schip TJAARDINA FENNACHINA is vertrokken naar Hamburg.
-          Aangezien hij aldaar vracht heeft ingenomen naar Nantes, doch wegens storm op de reis derwaarts te Cuxhaven is binnengelopen.
-          Aangezien hij ongeveer 5 weken na zijn vetrek uit Hoogezand van Cuxhaven heeft geschreven (zijnde dit bericht de laatste tijding) dat hij naar Nantes voer en vandaar zou melden, wanneer de eiseresse zich tot hem zou kunnen begeven.
-          Aangezien daarna nooit enig taal noch teken van hem is ingekomen, zodat men vermoedt, dat het schip waarop hij voer, bij de bocht van Frankrijk, door de sterke Oostenwind, die toen ter tijd woei onder de klippen is geraakt en alzo met man en muis is vergaan.
te verschijnen om van zijn in leven zijn te doen blijken (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Heden werd van de werf van wijlen de heer Kornelis Bakker met het beste gevolg te water gelaten het schoenerschip OMEGA, groot pl.m. 170 zeetonnen, gebouwd voor rekening en gevoerd zullende worden door J.H. de Boer, onder directie van de heer J. Meihuizen.


16 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hammerfest, 13 oktober. Het schip POSTILJON, kapt. Brouwer, van Archangel naar Nederland bestemd, geladen met rogge, lijnzaad en ledige matten, is alhier binnengelopen, zijnde lek gesprongen. Een gedeelte der lading is beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 13 oktober. Het Nederlandse kofschip SJOUKELINA, kapt. Dirks, van Bremen naar Stettin bestemd, is heden alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 oktober. Het schip EERSTELING, kapt. Wiersma, van St. Petersburg alhier aangekomen, heeft order bekomen om naar Harlingen te verzeilen.


  JB - Javabode

Te Batavia ligt in lading naar Soerabaija het Nederlands-Indische schip BOMBAY, ex-PAMELLA, kapt. Sech Banama. (opm: eerste vermelding van verdoopt schip)


17 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G. J. Boelen en J. F. L. Meijjes, makelaars, zullen op maandag 28 oktober 1867, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de deurwaarder B. D. Beets, verkopen een extra ordinair welbezeild gekoperd en kopervast schoener-brikschip, genaamd JOHANNA HENDRIKA, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd door J. J. Lieuwen. Volgens Nederlandse meetbrief lang 28 ellen 80 duimen, wijd 5 ellen 36 duimen, hol 3 ellen 44 duimen, en alzo gemeten op 236 tonnen of 125 lasten. Het schip ligt aan de werf het Witte Kruis, in de Kleine Kattenburgerstraat te Amsterdam. Breder bij inventaris, en nader bericht bij bovengenoemde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. De stoomboot LOUISE, van Rotterdam naar Glasgow, is op Boulnar- rots (Norworth) (opm: bij Boulmer, Northumberland) gestrand. Het schip is zwaar beschadigd, en het grootste gedeelte van de lading is over boord geworpen. (opm: zie NRC 211067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. Kapt. De Vries, voerende het Nederlandse schip ADRIANA JOHANNA, de 12e augustus, na een reis van 38 dagen, van Montevideo te Torné- baai binnen, rapporteert de 26e juli op 57º ZB. 73º 48`WL. (opm: bezuiden Kaap Hoorn!) gepraaid te hebben het Franse schip ANTONIA, van Cardiff naar Valparaiso, hebbende gebroken masten, verlies van stengen, weggeslagen rusten, enz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 14 oktober. De navolgende alhier van St. Petersburg aangekomen schepen hebben order bekomen, als: NEPTUNUS, kapt. Schumann, naar de Maas; TALINE, kapt. Sterenberg, naar Rotterdam; OTTO, kapt. Sap, naar de Maas; HOOP, kapt. Lukkien, naar Gothenburg; HENDRIKA, kapt. Schmidt, naar Amsterdam; JOHANNA, kapt. Jansen, naar de Weser; STAD APPINGEDAM, kapt. Kaiser, naar Londen; TWEE GEBROEDERS, kapt. Hitman, naar de Maas.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 oktober. Het schoenerschip JANTJE WILKENS, kapt. Hotze, van St. Petersburg naar Amsterdam bestemd, verloor gisteren in de Droogden een anker, en is heden daarmede voorzien geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 oktober. Heden is alhier in de haven om order, van St. Petersburg gekomen het schoenerschip REINTJE, kapt. Teensma, geladen met rogge. Het heeft schade aan het tuig bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 14 oktober. Het schoenerschip CLAAS THOLEN, kapt. Geerds, van St. Petersburg naar Hartlepool bestemd, geladen met haver, is in zee zo lek geworden en de 9e dezer niet ver van Dägöe (opm: eiland Dagö, thans Hiiu [Estland])af gezonken. De equipage, bestaande uit zeven man, is door het schoenerschip ANNA, kapt. Klontje, van St. Petersburg naar Holland bestemd, opgenomen en alhier aan wal gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 14 oktober. Volgens telegrafisch bericht is het schip WILHELMINA, kapt. Leplow, op de reis van Riga naar Londen, niet ver van hier gestrand.
[afb]
Mohni Lt.Ho.
Fotocollectie Wikipedia


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 14 oktober. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip VLINDER, kapt. De Jonge, van St. Petersburg met haver naar Londen bestemd, op de 10e dezer niet ver van Eckholm (opm: Mohni; positie 59º 41’ NB en 25º 48’ OL) af gezonken. De equipage is gered.
AH 171067
Vlie, 14 oktober, Uitgezeild ANTJE SPITHORST, Freese jr., Frederikstad, AURORA, Boon, idem, GEBROEDERS JANSEN, Andreassen, idem, HENDRIKA ALEIDA, De Jong, idem.
PGC 171067
Amsterdam, 14 oktober. De te Mollösund (opm: onjuist, te Käringö, positie 58º 07’ NB en 11º 22’ OL) binnengebrachte kof is gebleken te zijn het Termunterzijlster schip NIJSSIENA, gevoerd geweest door kapt. Veltman, dat in de Noordzee overzeild is en waarvan het volk te Hull is aangekomen. (opm: zie NRC 101067)


18 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F. N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H. Hzn., B. C. D. Hanegraaff, H. N. Montauban van Swijndregt, H. H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, zullen, als last hebbende van hunne meesters, op dinsdag de 5e november 1867, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, nº. 499, publiek verkopen het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip GENERAAL MICHIELS, gevoerd door kapt. P. G. Visser, lang 33 el 10 duim, wijd 5 el 85 duim, hol 4 el 57 duim, en alzo groot 393 tonnen of 207 lasten, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschap- pen, zo als hetzelve thans is liggende in de Westerhaven te Rotterdam.
Nog zal afzonderlijk worden geveild : een chronometer, van Hohwu, nº. 157.
Nadere informatiën bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 oktober. Volgens brief van kapt. Driest, voerende het schip WILDEMAN, d.d. 3 september, de 6e augustus te Valparaiso gearriveerd (reeds vroeger gemeld), had hij op de reis zware stormen doorgestaan, en daarbij enige schade aan schip en roer bekomen; een en ander was weder behoorlijk hersteld en zou hij de 6e september naar Buenos-Ayres vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 15 oktober. Het Nederlandse oorlogstoomschip BORNEO, kapt.luit. ter zee Feldman, van Texel naar Batavia, is gisterenavond alhier binnengelopen, wegens te kort aan steenkolen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Berwick, 15 oktober. Volgens telegrafisch bericht, is er een Nederlands stoomschip, geladen met stukgoederen, bij Boulmer, Northumberland, gestrand en is tegelijk wrak geworden. (opm: de LOUISE, zie NRC 171067; het schip werd geborgen en hersteld)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 15 oktober. Heden is nabij Warden Ledge ten anker gekomen, het Ned. brigantijnschip HELENA, kapt. Pybes, komende van Galatz, met verlies van de beide stengen, ra’s, zeilen en al het tuig daaraan bevestigd, weggeslagen boten en het spil gebroken; het zal de reis naar Corries vervolgen om aldaar te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 15 oktober. Het schip SUSANNA, ’t welk naar Kopenhagen is vertrokken, is heden wegens stormweder alhier teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 11 oktober. Kapt. Walland, gezagvoerder van het stoomschip WILLEM I, rapporteert gisteren tussen Rottum en Schiermonnikoog een stoomschip op strand gezien te hebben, doch wegens de hoge zee kon hij geen hulp verlenen of naderbij te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 15 oktober. Het Nederlandse schoenerschip JANTJE, kapt. Stuit, van Uleaborg aangekomen heeft order bekomen naar de Tyne.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 15 oktober. Het galjootschip GESINA JANTINA, kapt. Bekkering, en het galjootschip MEIKA JACOBA, kapt. Wielema, beide alhier van St. Petersburg aangekomen, hebben beide order voor Gothenburg ontvangen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 oktober. Het schoenerschip JANTJE WILKENS, kapt. Hotze, van St. Petersburg naar Amsterdam bestemd, verloor gisteren in de Droogden een anker, en is heden, daarmede voorzien geworden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een op nieuw overgedekt snikschip, groot 12 ton. Te bevragen bij de scheepstimmerman G.N. Ronner te Dokkum.


19 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 16 oktober. Heden is alhier binnengelopen om te repareren het Nederlandse galjootschip HELENA, kapt. Pybus, van Ibraila naar Vlissingen bestemd, geladen met rogge, met verlies van fokkemast, steng, de grote mast gesprongen en meer andere schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 16 oktober. Het Nederlandse schip GROOTMEESTER NATIONAAL, kapt. Giese, alhier van Dordt aangekomen, is in het dok verhaald geworden om te repareren. Het schijnt dat terwijl het de haven wilde inzeilen, het schip op de rotsen bij the Blue House stootte en de bodem beschadigd heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 14 oktober. Het schip DE VLINDER, kapt. de Jonge, van St. Petersburg naar Londen bestemd, is de 10e dezer bij Eckholm (opm: Mohni; psn 59 41 N 25 48 O) gezonken, bevorens in het kort gemeld. De equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 16 oktober. Het kofschip JONGE ROELOF, kapt. Douwes, van Amsterdam naar Rostock, is hier wegens tegenwind binnengelopen.


21 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 19 oktober. Naar wij vernemen, wordt het koloniaal raderstoomschip TIMOR binnen enige dagen hier verwacht.
Zr.Ms. schroefstoomschip ’t LOO, liggende op ’s Rijks werf alhier, wordt, naar wij vernemen, weder afgetuigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 oktober. Het Nederlandse stoomschip URANIA, van hier naar Koningsbergen, is, volgens telegram uit Elseneur, op de Zweedse kust op strand geraakt, en had water in het schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Berwick, 17 oktober. Het stoomschip LOUISE, kapt. Van der Grient, van Rotterdam naar Hull bestemd, is op de wel bekende rotsen bij Boulmer North Steel gestrand, zo als bevorens gemeld is, en, tenzij het weder zeer mooi blijft, zal het totaal wrak worden.
Het heeft met zulk een kracht gestoten, dat het schier een bedding voor zich in de rotsen heeft gemaakt; de achtersteven is gebroken en het roer weggeslagen.
De achterkajuiten zijn vrij van het water; doch bij hoog water loopt de voorkajuit vol. De lading kan slechts bij hoog water gered worden; en de toegang kan slechts over ruwe rotsen bij laag water verkregen worden, waarover niets kan vervoerd worden.
Een gedeelte der lading, die door de zee zeer beschadigd is geworden, is over boord geworpen. Een aantal vaten suiker, die in het voorruim zijn, is gedeeltelijk vernietigd.
Men spant alle pogingen in het werk, om het vlot te krijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 17 oktober. Heden is alhier na geëindigde reparatie uit de haven gehaald het Nederlandse schip HERMANUS THEODORUS, kapt. Wilmink, van St. Petersburg naar Chtistiania bestemd.


22 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 oktober. Het schip (opm: kof) BRITANNIA, kapt. D.H.G. Valk, van Newport naar Riga, is, volgens telegrafisch bericht, de 18e oktober bij Stevens onder de Zweedse kust gezonken, doch het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 21 oktober, Het Nederlandse schip CATHARINA, kapt. Pik, van St. Petersburg met rogge naar Schiedam bestemd, is op de Schulpenplaat aan de grond gevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 oktober. Volgens brief van kapt. Kretschmer, voerende het Nederlandse schip AMSTELSTROOM, van hier naar Batavia bestemd, bevond hij zich de 9e september op 15º 56` NB. en 26º WL. Passagiers en equipage waren in de beste welstand.


23 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam op maandag 21 oktober:
-          Het kofschip MEINSINA, gebouwd in 1841, kapt. D.D. Klontje: NLG 600, in slag NLG 1, koper A.J. Corver (opm: een makelaar).
-          Het scheepshol COLUMBUS, gebouwd in 1857, kapt. F.A. Wolking: om NLG 2.900 opgehouden.
-          Het duikerschip de HOLLANDSCHE DUIKER, gebouwd in 1859: NLG 1.000, in slag NLG 2.200, en de klok en machinerie NLG 525, in slag NLG 300, koper G.J. Boelen (opm: een makelaar)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het gekoperd en kopervast brikschip JAPAN PACKET. Franco te bevragen en te bezichtigen aan de werf van G. B. Pas te Bolnes, gemeente Ridderkerk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 22 oktober. De schoener CATHARINA, kapt. Pik, is heden morgen met hoog water vlot gekomen en komt naar de rede.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 oktober. Het stoomschip URANIA, van hier naar Koningsbergen, op de Zweedse kust geraakt, is af- en te Kopenhagen binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 22 oktober. Het schoenerschip VERTROUWEN, kapt. De Ruiter, is na geëindigde reparatie de 19e augustus van Rio Negro vertrokken naar Buenos- Ayres met een lading zout, en de 27e augustus aldaar aangekomen. Schip en equipage in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 oktober. De volgende schepen zijn alhier van St. Petersburg aangekomen, en hebben de volgende orders bekomen, als: KLASINA JANTINA, kapt. Brouwer, naar Gothenburg; HENDRIKA, kapt. Pybes, naar Amsterdam; ANNA CATHARINA, kapt. Hughes, naar de Wezer; ARGO, kapt. Douwes, naar dito; MOLEDETZ, kapt. Kramer, naar Amsterdam; HUIS GARREWEER, kapt. Vink; naar Laurvig. De EEXTA, kapt. Lemming, zou eerst naar Rotterdam vertrekken, dewijl het alhier geen order vond, doch zal nu alhier lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 21 oktober. Volgens een mededeling uit Lübeck, is volgens telegram uit St. Petersburg het schip JULIE, kapt. Kleeberg (opm: waarschijnlijk buitenlander), van St. Petersburg naar Libau bestemd, op de Tutters, bij Nerva, gestrand, en zijn schip en lading als verloren te beschouwen. (opm: zie NRC 301067)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 9 oktober. Het schip ARCADIA, kapt. Larsen (opm: vermoedelijk buitenlander), van Soderhamn naar Bridgewater bestemd, is kort nadat het uit de eerstgenoemde haven is vertrokken, in de Oostzee totaal verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 oktober. Het schoenerschip REINTJE, kapt. Teensma, van St. Petersburg naar Schiedam bestemd, is heden, na volbrachte reparatie, uit de haven gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Ubes, 16 oktober. Het schip IDA, kapt. Lukje, van Triest naar Livorno bestemd, is de 9e dezer alhier lek, met verlies van zeilen enz. binnengelopen. Het zal moeten lossen.


24 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 23 oktober. Het schip CATHARINA, is gisteren door de sleepboot VOORNE en PUTTEN Nº. 2, van hier van de Schulpenplaat, in vlot water gebracht en naar Brielle opgesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 23 oktober. Volgens particulier bericht, is de brik HERMINA, kapt. De Vos, de 18e dezer van Bolderaa met een lading delen, van Riga naar herwaarts bestemd, in zee gezeild; alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 21 oktober. Heden is alhier in de haven gekomen het Nederlandse tjalkschip JACOBA MARGINA, kapt. Kuil, van Stettin naar Bensersiel bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 23 oktober. De schoener CATHARINA, kapt. Pik, is zo even van hier opgezeild na geloste lading weder ingenomen te hebben.


25 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. Het stoomschip URANIA, van Amsterdam naar Koningsbergen, te Kopenhagen binnen - zie ons nummer van gisteren - was tegen vergoeding van een bergloon van GBP 500,- na lossing van een gedeelte der lading, van het strand gebracht, zou te Kopenhagen verder lossen en op de sleephelling komen. Een gedeelte der lading was beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. Naar men ons meldt, is het schip SALATIGA, kapt. Kettler, volgens brief van Port Elisabeth (Algoabaai), d.d. 14 september, afgekeurd, daar de reparatiekosten de waarde van het schip te boven gingen. Het schip zou de 21e september verkocht worden en de nog over zijnde lading, benevens die van de KRIMPENERWAARD, werd overgeladen in het schip ILOA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 24 oktober. Gisteren is ter rede van Veere aangekomen het schoenerschip VOLHARDING, kapt. Pander, van Old Calabar met palmolie en ebbenhout op hier bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 22 oktober. Het Nederlandse schip ANTHONY VAN HOBOKEN, kapt. Muntendam, van hier naar Soerabaija bestemd, is de 21e dezer, des namiddags, op de hoogte van the Skerries door de sleepboot TALBOT verlaten. (opm: het schip was dus opgesleept en zette van daar de reis onder zeil voort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 21 oktober. De beide navolgende Nederlandse schepen zijn alhier van St. Petersburg aangekomen, als het galjootschip ECONOMIE, kapt. Bossinga, ’t welk alhier op order blijft wachten, en de MARGARETHA, kapt. Stuitvoet, die naar Amsterdam is vertrokken, daar het alhier geen andere order vond.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 19 september. Er bevindt zich thans geen enkel Nederlands schip in onze havens. De SALATIGA, die in Algoabaai en de ST. JAN, die in Simonsbaai de nodige reparaties hebben ondergaan, zijn beiden naar hunne bestemming vertrokken, en sedert het vertrek der vorige mail heeft geen vaartuig onder de Nederlandse vlag ons met een bezoek vereerd. Wij mogen hier nog bijvoegen, dat de kopers van het ongelukkige schip KRIMPENERWAARD, dat in Algoabaai gestrand en vergaan is, een goede rekening maken met hunne onderneming, als hebbende reeds voor een aanzienlijke waarde aan bloktin uit het wrak gered. Van de 727 blokken zijn meer dan over de 600 blokken gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal op woensdag den 30 oktober 1867, des avonds ten 8 ure, bij D. Minnema aldaar, in ene zitting, publiek verkopen een hecht en sterk, in den jare 1847 te IJlst nieuw gebouwd, kofschip, de VRIENDSCHAP genaamd, vroeger als beurtschip gevaren hebbende van Harlingen op Kampen en laatst gediend hebbende als lichterschip, gemeten op 55 ton of 27 last, met al deszelfs toe en aanbehoren, zodanig hetzelve is liggende in de Noorderhaven, in de nabijheid van het gemeentehuis te Harlingen.


26 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 oktober. Volgens brief uit de Kaap de Goede Hoop, d.d. 18 september, had er op de 6e dier maand een derde verkoping, 633 balen beschadigde koffie, van het schip ST. JAN, kapt. Lommerse, plaats gehad, en had hij de 13e dito, na volbrachte reparatie, de reis voortgezet; het wrak van het schip KRIMPENERWAARD, kapt. Kluit, in de Algoabaai gestrand was voor GBP 310, en niet GBP 210, zoals toen gemeld, verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. Er heeft een aanzeiling plaats gehad tussen het Nederlandse schip KOFFIJBOOM en het voor anker liggende Britse schip EARLY MORN. Laatst genoemd schip heeft daarbij enige tuigage verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. De vrachten ondergingen weder een verhoging. Producten worden ruimer afgevoerd doch houden de arrivementen van onbevrachte bodems hiermede geen gelijke tred. De volgende transacties vonden sedert ons vorig bericht plaats. Naar Nederland werden opgenomen : de Nederlandse VESTA, hoofdzakelijk met rijst naar Rotterdam tot geheime condities. BURGEMEESTER HOFFMAN insgelijks naar Rotterdam à NLG 90 voor suiker en koffij in de Oosthoek en te Tjilatjap te laden. ALCYONE tot dezelfde condities naar Amsterdam in de Oosthoek te laden. SLIEDRECHT à NLG 92,50 voor suiker en koffij, te Samarang in te nemen voor Rotterdam. JAVA PACKET NLG 95 voor koffij, suiker en specerijen, hier en te Tagal te laden voor Amsterdam. MADURA NLG 97,50 voor suiker en koffij, NLG 115 voor huiden te Soerabaija voor Rotterdam te laden.
Nederlands SUSANNA ELISABETH en KOFFIJBOOM accepteerden NLG 95 voor koffij en suiker, op de kust in te nemen. ANNA MARIA WILHELMINA bedong NLG 100 voor een lading suiker, te Soerabaija voor Amsterdam in te nemen.
Onbevracht is alleen nog Nederlands NEDERLAND.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op maandag 18 november 1867, des avonds te 5 uur, ten huize van logementhouder H. L. B. van Ingen, te Nieuwe Schans in openlijke veiling te verkopen het schoenerkofschip ANNA GEERTRUIDA, laatst bevaren door kapt. F. van Ingen, groot 172 ton, in den jare 1855 nieuw gebouwd en thans liggende te Rotterdam, met al deszelfs opgoederen, staand en lopend want en verder toebehoren. De inventaris en de verkoopconditiën zullen in tijds ter lezing liggen ten verkoophuize, alsmede ten kantore van de notaris B. Haitzema Viëtor.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 22 oktober. Het te Beerta thuisbehorende schip NIEUW-BEERTA, kapt. H.J. Groen, van hier naar Montevideo bestemd, is op 10 september door het schip ROYAL ALBERT, kapt. Henderson, te Falmouth binnen, op 10º NB en 27º WL gepraaid. Kapitein Groen was op de reis overleden.


  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op maandag de 18e november a.s. zullen de ondergetekenden op publieke vendutie aan de meestbiedende verkopen het Nederlandse fregatschip QUINTET, metende 366 lasten, gekoperd en kopervast, hebbende twee maanden geleden te Soerabaja vertimmerd en is van nieuw spijkerhuid en gedeeltelijk nieuw koper voorzien. Benevens inventaris, welke nader zal worden omschreven.
Van Vleuten & Cox.
VWB 261067
Vlissingen, 25 oktober. Gisteren is alhier gearriveerd het nieuw gebouwde raderstoomschip WESTER-SCHELDE, bestemd voor de dienst op de Westerschelde, waarmede donderdag a.s. zal worden begonnen.


28 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 27 oktober. Het schip DIANA, kapt. Teengs, heeft heden morgen bij het ten anker komen op deze rede door de harde wind anker en ketting verloren, doch is voor een tweede anker blijven liggen. Later is ook het tweede anker verloren, zodat het schip nu voor een werp (opm: op een tros, gestoken op een uitgebracht anker) ligt. Nog heden wordt een anker van de wal naar het schip gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 26 oktober. Het op heden voorgenomen vertrek van Zr. Ms. transportschip JAVA heeft zich gekenmerkt door een ongelukkig incident. Terwijl het schip werd verhaald, braken de trossen, waardoor een paar matrozen zeer ernstig werden gewond, en geraakte het schip met het roer op de stenen dam, welk roer daardoor werd gelicht, zodat men de reis niet kon voortzetten, en het nu eerst de nodige herstelling zal moeten ondergaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 oktober. Volgens bericht uit Hammerfest van 13 september is het schip de POSTILJON, kapt. Brouwer, toebehorende aan de rederij van de heer C. Teves alhier, van Archangel naar Dordrecht gedestineerd, wegens lekkage en schade aan de lading binnengelopen te Hammerfest, in Finmarken, een zó noordelijke haven, dat zij zelden vrij van ijs is, en men dit schip hier niet verwacht vóór juni van het volgend jaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. S. Oolgaardt, makelaar, zal op maandag de 4e november 1867, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de notaris Joans. Oolgaardt, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, te Amsterdam, aan de meestbiedende of hoogst mijnende presenteren te verkopen :
Het extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast schoener brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CHAMA, laatst gevoerd door kapt. C. J. Piera. Volgens Nederlandse meetbrief lang 31 ellen 10 duimen, wijd 5 ellen 75 duimen, hol 3 ellen 74 duimen, en alzo gemeten op 297 tonnen of 157 lasten, liggende aan de werf de Nachtegaal, in de Bikkerstraat te Amsterdam.
Breder bij inventaris, en informatie bij bovengemelde makelaar, of bij de cargadoors Oolgaardt & Bruinier.


29 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 28 oktober. Men heeft heden nacht het schip DIANA, van een anker voorzien. De sleepboot ROTTERDAM 2 is de gehele nacht op de rede gebleven, om, indien zulks nodig ware geweest, assistentie te verlenen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 27 oktober. Zr.Ms. stoomschip JAVA is in de haven teruggekeerd. Men heeft het roer weder in orde gebracht, zodat men wellicht morgen weder naar zee zal kunnen gaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 26 oktober. Het schip POSTILJON, kapt. Brouwer, van Archangel naar Dordrecht, te Hammerfest binnen, zou op 10 oktober, na de geleden schade zoveel mogelijk hersteld te hebben, de reis voortzetten. Van de lading waren ongeveer 140 tonnen lijnzaad beschadigd gelost.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Geheel beurtschip op Gorredijk. Bovengemeld geoctrooieerd beurtschip, genaamd de SNELHEID, varende van Leeuwarden naar Gorredijk en terug, groot 16 ton, benevens den scheepsinventaris is geheel uit de hand te koop en dadelijk te aanvaarden, zoals het op den Grachtswal ter bezichtiging is liggende, uitgezonderd des dinsdags, woensdags en donderdags. Te bevragen bij R. Bloembergen Santee te Leeuwarden.


30 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam (opm: geen datum vermeld):
-          schoenerbrikschip JOHANNA HENDRIKA: NLG 8.900, in slag NLG 500. Koper: E.C.A. Koli.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 28 oktober. Het schip GAZELLE (opm: mogelijk buitenlander), van Rotterdam naar Gloucester bestemd, geladen met zwavelerts, is heden morgen gedurende dik weder op de Kentish Knock op strand geraakt en wrak geworden. De equipage is door de MARY STEPHENSON gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. W. Cramerus, J. Eeckhoff, G. J. Boelen en H. J. Holgen, makelaars, zullen op maandag 2 december 1867, in het lokaal De Brakke Grond, te Amsterdam, ten overstaan van de notarissen van der Moolen en Klinkhamer, in veiling brengen de scheepstimmerwerf De Haan, aller-gunstigst gelegen te Amsterdam, in de Groote Bikkerstraat,met de daarbij behorende kapitale herenhuizing, pakhuis, loodsen enz., getekend buurt V V nº. 399, 400 en 401, groot 37 roeden 71 ellen.
Breder bij biljetten omschreven en te bezichtigen dinsdags en donderdags van 1-3 ure, op vertoon van een bewijs tot toegang, door een der makelaars ondertekend.
De bewijzen van eigendom en veilcondities zullen vier dagen vóór en op de verkoopdag ter visie liggen ten kantore van voornoemde notarissen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Narva, 22 oktober. Het schip JULIE, kapt. Kleiberg, van St. Petersburg naar Libau bestemd, met een algemene lading, is de 14e dezer bij Tüttersaar, nadat het op klippen gestoten heeft, gezonken. De equipage is gered en alhier aankomen.


  JB - Javabode

Cheribon (geen datum). Op de 12e dezer is de ter rede van Indramaijoe liggende Nederlands-Indische bark THAY GOAN, gezagvoerder Lim Yan Hie, omgekanteld en gezonken. De opvarenden zijn allen gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 30 oktober. Gisteren werd hier het bericht ontvangen dat van het kofschip ANNA AUGUSTA, kapitein A.J. Kuiper, de stuurman en een matroos, beiden van hier, en eerstgenoemde gehuwd, door stormweder over boord geslagen en omgekomen zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J. van Leeuwen te Leeuwarden zal op zaterdag den 9 november 1867, des namiddags 5 uur precies, in de herberg van Sijtze van der Meer te Baard, provisioneel verkopen een wel onderhouden veerschip, varende van het dorp Baard op Leeuwarden, Sneek enz., vice-versa, met de gerechtigheden van het veer als van ouds, en daarbij behorende goederen als: mast, zeilen, haken, bomen, touwen, losse roef enz., zodanig hetzelve door den eigenaar Tjalling Lijkles Faber wordt bevaren; den 1 december 1867 te aanvaarden. Condities te vernemen ten kantore van den notaris. (opm. LC meldt dat geboden is NLG 1.396.)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een best nieuw schip, lang 13,632 el (48 voet), wijd 3,337 el (11¾ voet), hol 1,278 el (4½ voet) of ongeveer 26 ton. Te bevragen bij A.P. van der Werff, scheepstimmerman te Drachten.


31 oktober 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 3 oktober. Het schoenerschip ANNIE, varende onder Nederlandse vlag, kapt. Simmons, van Demarara via Trinidad op hier bestemd, is de 26e september bij Roquez verongelukt; de equipage en een gedeelte der lading is gered.


01 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stanley (Falkland Island) 6 september. Het Nederlandse brigantijnschip JEANNETTE ROULINA, kapt. Addens, van Buenos- Ayres naar Antwerpen bestemd, is de 5e augustus op 6º ZB. en 29º WL. gezonken, nadat het in aanzeiling is geweest met het barkschip HUASCO, kapt. Morgan. Twee man der equipage zijn gered door de HUASCO en alhier aangebracht. De kapitein, zijn vrouw, een kind en 5 man der equipage zijn daarbij omgekomen.


02 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. Het schip CATHARINA, kapt. Visser, is, volgens telegram uit Leer, van gisteren, bij Vadsø gestrand, en vermoedelijk totaal weg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 31 oktober. Het Pruisische schip DIRKJE, kapt. Poort, van Amsterdam met stukgoed naar Bremen, is ten noorden van deze haven gestrand, en zal vermoedelijk weg zijn; een gedeelte der lading, benevens de tuigage, zijn geborgen; het volk gered. (opm: koftjalk, zie LC 031167, NRC 041167, 091167, 171167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 31 oktober. Het hier te huis behorend kofschip ANNA AUGUSTA, kapt. Kuipers, heeft, volgens hier aangekomen bericht uit Noorwegen, daar moeten binnenlopen, dewijl de stuurman en een matroos over boord geraakt en verongelukt zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 31 oktober. Het stoomschip LOUISE, kapt. Van der Grient, van Rotterdam naar Grangemouth bestemd, ’t welk de 15e dezer nabij Boulmer op strand is geraakt - bevorens gemeld - is op de rede van Warkworth in veiligheid, en men denkt, dat het binnen weinige dagen in de Tyne zal gebracht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Great Yarmouth, 31 oktober. Volgens telegrafisch bericht is het stoomschip ROSA ELIZA, kapt. Spurring, van Hamburg met een algemene lading naar Londen bestemd, op 20 mijlen ten NO. van the Lemon verongelukt. De equipage is gered. (opm: dit is het ex-Nederlandse stoomschip STAD DORDRECHT)
AH 021167
Risobank, 16 oktober. Binnengekomen HENDRIKA ALEIDA, De Jong, van Lemmer.
NRC 031167
Onverminderd de voorschriften, aan de verschillende stoomboot- ondernemingen gegeven met betrekking tot het verminderen van de snelheid der vaart bij het gaan langs in aanleg zijnde rivier- en oeverwerken, wordt de aandacht der bevelvoerders uitdrukkelijk gevestigd op de thans verricht wordende werkzaamheden tot het lichten der stoomboot IRON MASTER, welke enige dagen geleden door een andere stoomboot in de Maas ter hoogte van Schiedam in de grond is gevaren en gezonken, en wordt hun gelast in de nabijheid daarvan vaart te verminderen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 30 november. Het schip EVA, kapt. Matthews, van Hamburg naar Aberdeen bestemd, is in het gat van Ameland gezonken.


03 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 november. Volgens brief van kapt. Vincke Muller, voerende het Nederlandse schip LIDA, van hier naar Suriname, was hij na 4 dagen met hevige stormen gekampt te hebben, bij Dungeness gearriveerd, doch toen teruggestormd en met nog circa 200 andere schepen bij Deal ten anker gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Warkworth, 31 oktober. Het stoomschip LOUISE, kapt. Van der Grient, is gisteren middag van the Boulmer Rocks vlot gekomen en alhier op de rede gesleept, met assistentie van twee sleepboten, zijnde weer lek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. P.H.W. Kleinschmit, deurwaarder te Harlingen, zal, ten verzoeke van de heer J. Vellinga, scheepsmakelaar aldaar, op woensdag den 6 november 1867, des namiddags ten 2 ure, ten huize van J. Fekkes, in de Korenbeurs te Harlingen, in het openbaar, á contant, verkopen:
- het kofscheepje, genaamd DIRKJE, zoals het is zittende op de Kimster, tegenover Roptazijl, groot circa 35 last.
- de inventaris van dat schip, bestaande hoofdzakelijk in enige zeilen, waaronder nieuwe, staand en lopend touwwerk, blokken, luiken, roer, zwaarden, sloep enz.
- een gedeelte der lading, als pl.m. 200 balen koffij, pl.m. 100 Edammer kazen, pl.m. 100 mud groene erwten, 2 zak mostaardzaad, pl.m. 50 baaltjes Cassia Vera, en pl.m. 40 matjes vijgen, alles min of meer door zeewater beschadigd.
Te bezichtigen op bewijs van toegang, af te geven door den heer J. Vellinga voornoemd, op de 5 en 6 november e.k.
(opm: een Pruisische koftjalk, zie o.a. NRC 021167, 091167 en 171167)


04 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 3 november. Het schip MINA, kapt. Van Bruggen ligt alhier heden zeilklaar met bestemming naar Soerabaija (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 3 november. De Engelse brik DEMETRIUS, kapt. Storey, van hier naar Nieuwesluis opgaande, geladen met rogge, is door de Engelse stoomboot STOCKTON afkomende aangevaren en dien ten gevolge bij de 2e brug van hier gezonken. De vaart is hierdoor geheel gestremd.
De stoomboot SEINE van Rotterdam komende, heeft getracht de gezonken brik DEMETRIUS te passeren, doch vruchteloos ; er worden zo spoedig mogelijk maatregelen genomen om het wrak uit de weg te ruimen.
Kleine schepen van geringe diepgang kunnen passeren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november. Het Nederlandse schip TALLINA, kapt. J. Sterrenberg (opm: kof, bouwjaar 1829; kapt. Jacob Sterrenberg, zie ook OHC 191167), van Leba, met spoorstaven naar Rotterdam, is, volgens brief uit Norden, d.d. 1e dezer, met 6 voeten water in het ruim, door het volk, dat gered en alhier is aangekomen, verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 2 november. Nadat de lading uit het tjalkschip DIRKJE, van Amsterdam naar Bremen bestemd, en de 29e oktober op de Zuidplaat gestrand, door een paar lichters en een vissersschuit was geborgen, is dit vaartuig thans geheel uiteen geslagen. (opm: zie o.a. NRC 021167 en 171167).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hull, 31 oktober. Het brikschip MENTOR (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Harlingen in ballast naar Seaham bestemd, heeft de 26e dezer nabij de kust van Terschelling zulk een zware zee ontmoet, dat de ballast is overgeslagen, zodat het schip op zijde lag en zwaar lek werd. Het is de volgende dag verlaten geworden. De equipage is gered. (opm: zie NRC 051167 en PGC 071167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Laurvig, 1 november. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARIA, kapt. Koning, alhier van Rio-Janeiro aangekomen en heeft de lading koffie, ongeveer 1930 balen, zwaar beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 31 oktober. Het Nederlandse galjootschip JACOBA GEZINA, kapt. Kramer, gisteren van Brindisi op deze rede aangekomen, heeft order bekomen om naar Koningsbergen te verzeilen.


05 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 4 november. Bij de Hoek van Holland zit een brik op strand zijnde de MENTOR, geladen met teer en van Noorwegen komende. De equipage is te ’s Gravesande aan wal gebracht. (opm: zie NRC 051167 en PGC 071167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 4 november. Heden morgen is bij de Hoek van Holland een brik gestrand, en zit zeer gevaarlijk. De grote mast is reeds over boord. De sleepboot VOORNE EN PUTTEN Nº.2, is tot assistentie derwaarts vertrokken ; verdere bijzonderheden kunnen nog niet worden opgegeven. Zie hier boven onder Brielle.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het Nederlandse schip LUBBEGIENA, kapt. P.E. Spithorst, van Nerva met hout herwaarts, is, volgens telegram uit Ameland, van gisteren, aldaar gestrand; men hoopt de lading te bergen; het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Volgens telegram uit Drontheim, was het schip CATHARINA, kapt. Visser, van Vadsø met traan naar Cuxhaven, bij Vadsø gestrand - vroeger gemeld - afgekeurd en verkocht. Het volk is gered.


06 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 4 november:
-          het schoenerschip CHAMA, gebouwd in 1848, kapt. J.C. Piera: NLG 8.000, in slag NLG 80. Koper: A.M. Balwé.
In de zaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 5 november:
-          het Nederlands barkschip GENERAAL MICHIELS, groot 207 lasten: NLG 8.500; een chronometer: NLG 120.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Bremen zal publiek verkocht worden op woensdag 20 november 1867, des middags ten 12 uur, in de verkoopzaal van de Nieuwe Beurs, door de makelaar C. J. Klingenberg het Nederlandse kopervaste barkschip CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer, groot 722 tonnen, zo als hetzelve thans ligt te Geestemünde, in het droge dok van de heer Tecklenborg, scheepsbouwmeester te Bremerhaven, met al deszelfs rondhout, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere zeer complete inventaris.
Nadere onderrichting te bekomen bij de heren C. J. Klingenberg te Bremen en Tecklenborg te Bremerhaven en bij de makelaars F. & W. van Dam, te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 5 november. Onder de gezonken brik DEMETRIUS is een ketting doorgebracht en is men bezig met kiellichters, sleepboot en verdere assistentie om het schip te lichten, om voor de vaart alles uit de weg te ruimen. Het dek is open gesprongen door het uitzetten van het graan. Alle vaart is op dat punt gestremd.
6 uur 25 min. De ketting is op het anker, dat onder de brik DEMETRIUS zit, afgeslipt. Het baggeren der lading gaat uiterst moeilijk en langzaam, door de hoge waterstand in het kanaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 5 november. Het gisteren benoorden het Maassluisse zeegat gestrande schip is gebleken te zijn het Noorse schip AMPHION, kapt. Nielsen, gekomen van Fredrikstad, geladen met hout en teer. Het schip zal geheel verloren zijn. De equipage is door de ’s Gravezandsche reddingsboot aan wal gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 4 november. Het schip CLYDE, kapt. Dunn, van St. Petersburg alhier op de rivier aangekomen, rapporteert dat het op de 29e oktober, op 53º NB. en 4º OL. het brikschip MENTOR ontmoette, ogenschijnlijk verlaten en gelijk met het water (waterlogged), doch met twee boten nog aan dek ; de kapitein kon wegens de hevige storm niet aan boord komen, doch is bij het schip gebleven, totdat het donker werd.


07 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 november. Zr.Ms. transportschip met stoomvermogen JAVA, onder bevel van de kapt. luit. ter zee C. J. Damme, alsmede Zr.Ms. schroefstoomboot HET METALEN KRUIS, onder bevel van de kapt. ter zee J. Vos, zijn in de namiddag van de 6e dezer, van de rede van Texel naar zee vertrokken, het eerstgenoemde ter opvolging zijner bestemming naar Oost-Indië, het andere naar de kust van Guinea.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 6 november. Heden is op de werf de heer J. J. Roelants, alhier, de kiel gelegd voor een loggerschip genaamd WILHELMINA voor rekening der rederij De Toekomst, onder directie van de heer A. E. Maas, te Scheveningen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bath, 4 november. Heden passeerde alhier Zr.Ms. schroefstoomboot FRANS NAEREBOUT komende van Antwerpen en bestemd naar Vlissingen, op sleeptouw hebbende twee vuurschepen. Genoemde vuurschepen zullen te Vlissingen bemand en geproviandeerd worden, om daarna naar de plaats hunner bestemming te vertrekken, Zij zijn n.l. bestemd om geplaatst te worden op de Wester-Schelde en wel in de omtrek van Bath. Alzo zal er eindelijk uitvoering komen aan de voorgenomen verlichting der benedenrivier, voor zo veel de vuurschepen aangaat; doch de kust of staande lichten kunnen onmogelijk nog dit jaar geplaatst worden wegens de vele moeilijkheden daaraan verbonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 6 november. Met het wrak der DEMETRIUS gaat men steeds voort met lichten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 september. Vrachten. Na het vertrek der laatste mail verflauwde de stemming enigszins, daar de aangekomen mail weder bericht bracht van het charteren te Singapore, Point de Galle en in China van onderscheidene bodems voor rekening van huizen alhier, terwijl ook enige onbevrachte schepen dagelijks verwacht werden. Ook de Factorij, die kort te voren enige schepen had opgenomen, trok zich van de markt terug, doch heeft nu weder een paar schepen gecharterd. Naar Nederland werden bevracht : Nederlands NEDERLAND naar Rotterdam à NLG 90, voor koffij, hier en te Samarang en NLG 95 voor suiker, te Cheribon in te nemen.
Nederlands JAVA bedong NLG 100 voor suiker, aan de fabrieken Tjomal en Bandjerdawa en te Samarang te laden, benevens NLG 95 voor koffij, alhier en te Samarang naar Rotterdam, waarheen ook Nederlandse HENDRIK IDO AMBACHT in de Oosthoek beladen wordt à NLG 95 voor suiker en koffie. Nederlands INDIA PACKET laadt op dezelfde voorwaarden insgelijks in de Oosthoek naar Amsterdam.
Nederlands CATHARINA ELISABETH werd tot geheime condities mede naar Amsterdam opgenomen.
Onbevracht is nog Nederlands NOORD BRABANT.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 november. Het schip DIRKJE, kapt. Poort, van hier naar Bremen, bij Harlingen gestrand, is uiteengeslagen. De lading was door 2 lichters en een schuit geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 4 november. Bij Hoek van Holland zit een brik, een ander bericht zegt, dat dit de MENTOR is, van Harlingen naar Seaham bestemd, welk schip op 26 oktober bij de kust van Terschelling zulk een zware zee ontmoette, dat het op zijde werd geslagen en de volgende dag door het volk is verlaten, dat gered en te ‘s Gravezande aan wal is gezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kiel, 2 november. Het schip ANNA ELISABETH, kapt. Muntendam Dik, van Hamburg met bergzout naar Aalborg, is op 30 oktober bij Bülk gezonken. Het volk is gered en te Schleimünde aangekomen.


08 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wat dezer dagen in het Voornsche Kanaal plaats greep, bewijst hoe noodzakelijk de nieuwe waterweg voor de scheepvaart op de Maas naar zee is. De Engelse brik DEMETRIUS, geladen met rogge, van Hellevoetsluis naar Nieuwe Sluis varende is door een Engelse stoomboot aangevaren en gezonken. Daardoor is nu reeds vijf dagen de vaart door het Kanaal gestremd. De zeil- en stoomboten, die een diepgang van 10 voet hebben, kunnen langs de Briel en Maassluis in zee komen ; maar die dieper gaan, moeten het wagen of zij genoeg water in den Noord treffen om langs Alblasserdam en Hellevoetsluis te kunnen uitlopen, dan of zij in den Noord aan de grond raken, omdat daar, als de wind zuidelijk is, niet meer dan 10 voet water staat. Zo is het ook met de schepen, die te Hellevoet binnen komen. Ook deze moeten, als de vaart door het Kanaal gestremd is, het wagen of zij door den Noord of langs den Briel en Maassluis de stad kunnen bereiken.
Thans baart een gezonken schip de moeilijkheid. Morgen kan echter een gebrek aan een der sluizen de vaart nog langer stremmen ; overmorgen komt misschien een ander toeval een nieuwe stremming veroorzaken. Het blijkt dus, dat de klachten volstrekt niet ongegrond zijn over de langzaamheid, waarmede het werk aan de nieuwe waterweg is voortgezet. De procedures over de onteigeningen hebben veel tijd doen verloren gaan.
Die verloren tijd behoorde thans ingehaald te worden. Gebrek aan ijver bij de ingenieur, hiervan zijn wij zeker, is de oorzaak niet, dat het werk nog niet ten einde is gebracht. Wordt er misschien niet genoeg geld beschikbaar gesteld? Wij weten het niet. Maar dit weten wij wel, dat de scheepvaart met brandend verlangen het ogenblik tegemoet ziet, waarop zij zich op de nieuwe waterweg van Rotterdam naar zee zal kunnen bewegen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 7 november. Sedert de 2e dezer is de Noord als het ware gevuld met stoomboten en schepen, die aan de grond komen. De stoomboten BATAVIER, LEITH en HARWICH zitten aan de grond. (opm: men week uit naar de te ondiepe vaarweg via Dordrecht wegens de stremming van het Voornsch Kanaal)
De BATAVIER is heden nacht vlot gekomen door lichters. Heden ochtend zijn nog in den Noord aan de grond gevaren de stoomboten TELEGRAAF, STAD BONN, NIJMEGEN, VLISSINGEN, STAD ZIERIKZEE, enz. Ten 11 ½ ure zijn alle boten vlot gekomen, behalve de HARWICH en de LEITH. Deze laatste is echter ongeveer 1½ uur later los geraakt en naar Rotterdam opgestoomd ; doch de HARWICH is blijven zitten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. De Oost-Friesche kof GESINA, kapt. Janssen, met steenkolen, van Hartlepool naar Leer, is de 5e november op Terschelling gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. Volgens telegram van Vlieland van de 6e november, zou, volgens geruchten, op het Oosteinde van Terschelling een brik, en in het Amelander gat, een stoomboot gestrand zijn. Het was echter zeer onzeker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 7 november. Het brikschip DEMETRIUS gaat door met lichten. Een ketting is onderaan bevestigd en het schip heeft alle hulp van kiellichters bij zich. Een sleepboot en een duikertoestel zijn aan het werk ; niets kan meer passeren voor het moment.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 november. Het Nederlandse schip PIET HEIN, kapt. Kramer, van Engeland met steenkolen naar Groningen, is volgens telegram uit Delfzijl van heden aldaar met schade binnen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 6 november. Volgens particulier bericht is het hier te huis behorend schip GEZIENA, kapt. Krook, van Ipswich denkelijk naar hier bestemd, eergisteren te Schiermonnikoog gestrand. Het volk is gered. (opm: zie LC 081167)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 5 november. Heden namiddag is het Nederlandse kofschip WIEBERGINA MARTENS, kapt. J.H. Looman, van Newcastle met kolen naar Groningen bestemd, met verlies van zeilen, ankers, kettingen, boot en aanmerkelijke andere stormschade door het stoomschip SALAMANDER alhier in de haven gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 6 november. Het Nederlandse kofschip JANSJE, kapt. Meijer, van St. Petersburg naar Zwolle bestemd, is wegens slagzijde alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 6 november. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARGARETHA TAMMEN, kapt. Tammen (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Namsös met een lading delen naar Leer bestemd, op Norderney gestrand. De equipage is door de reddingsboot gered. Mede is op Norderney gestrand het schip ZWEI GEBRÜDER, kapt. Betten (opm: buitenlander), met een lading cement van Londen naar Heppens bestemd. De equipage is gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 7 november. Zaterdag namiddag jl. om 2 uur is bij Schiermonnikoog gestrand de Nederlandse tjalk GEZINA, gevoerd door schipper L.P. Krook, te huis behorende te Groningen, komende met ballast van Yarmouth en bestemd naar Groningen. De opvarenden, bestaande uit de schipper, de stuurman, een matroos, benevens vrouw en drie kinderen, zijn gered. De tuigage is voor het grootste gedeelte geborgen. Het hol zal waarschijnlijk weg zijn.
Dezelfde dag is bij Ameland op reis van Nerva naar Amsterdam, beladen met hout, gestrand het Nederlands kofschip LUBBEGINA, kapt. P. Spithorst. De vijf opvarenden, benevens des kapiteins vrouw en twee jeugdige kinderen, zijn door de reddingboot van Nes gered geworden. Men vleide zich, de tuigage en lading te kunnen doen bergen. Het schip zal echter, als wrak geworden, verloren zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, à contant een best Schip, gemeten op 40 ton, laatst bevaren door Albert Bijzet. Te bevragen bij J.H. van der Meulen te Drachten. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Krachtens bevelschrift van den Hoog Edel Gestrenge Heer Consul Generaal van Frankrijk te Amsterdam zal C. Zunderdorp, scheepsagent te Terschelling, ten overstaan van een bevoegd beambte, op maandag den 11 november 1867, ’s morgens 10 uur, te West Terschelling op het eiland Terschelling, in openbare veiling, om contante betaling, doen verkopen de geborgen tuigage van het op de 1 oktober jl. gestrande Franse brikschip DORADE, kapt. P. Allain, gekomen met een lading hout van Liclio in Zweden, naar Lannion bestemd geweest, bestaande in diverse zeilen, ankers, kabelkettingen, ijzeren landvasten, ene grote partij staand en lopend touwwerk, ijzeren mars- en bramschoten, kompassen, blokken enz. enz.; vervolgens des namiddags te 5 uur, de geborgen lading houtwaren van voornoemd schip, zijnde 812 delen, lang 1,982 – 7,645 el (7 – 27 voet), dik 3 duim, en
339 balken, lang 2,548 – 12,741 el (9 – 45 voet), dik 8 - 13 duim vierkant, zijnde de delen te West Terschelling en de balken op strand aan duin nabij West Terschelling opgeslagen.
Voorts op dinsdag den 12 november a.s. morgens 11 uur, bij het Domein Pakhuis te Hoorn op Terschelling, het geborgene der tuigage van het op de 4 oktober 1867, op de N. O. hoek van Terschelling, gestrande Franse schoenerschip ANNA, kapt. M.G. Broicard, gekomen met een lading hout van Frederikshald in Noorwegen, naar Nantes bestemd geweest, bestaande in diverse ankers, kabelkettingen, landvasten, zeilen, ene partij staand touwwerk, blokken, ijzeren marsschoten, metalen klok, kompassen, enz. enz.; voorts des namiddags te 5 uur, op West Terschelling, het geborgene en in het dorp Hoorn opgeslagen dier lading van voornoemd schip, bestaande in1513 delen, lang 1,982 – 7,362 el (7 - 26 voet), dik 3¼ duim, en 3212 planken, lang 1,982 – 6,796 el (7 - 24 voet), dik 1¼ duim, alles Amsterdamse maat.
Nadere informaties zijn, op franco aanvrage, te verkrijgen bij de Hoog Edel Gestrenge Heer Consul Generaal van Frankrijk te Amsterdam voornoemd en bij C. Zunderdorp te Terschelling.


09 november 1867


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 november. Het schip EMMANUEL, kapt. Hans