Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezige jaargangen:
Start - 0 - 189 - 191 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 1900 - 1901 - 1902 - 1903 - 1904 - 1905 - 1906 - 1907 - 1908 - 1909 - 1910 - 1911 - 1912 - 1913 - 1914 - 1915 - 1916 - 1917 - 1918 - 1919 - 1950 - 1995 - 2019 - 2020


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1860


01 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 31 december 1859. De schepen WILLEM III, kapt. Van den Burg, en MARY GODDARD, kapt. Haring, beide van Java komende, zijn gisterenavond op de Middelbank aan de grond geraakt en deden de gehele nacht noodschoten. Een gedeelte van de equipage van de WILLEM III is heden morgen alhier behouden aangekomen. De kapitein met de overige equipage zijn nog aan boord. Het schip heeft vaartuigen langszijde en men is bezig met lichten.
-3.30 uur namiddag. Het schip MARY GODDARD is vlot gekomen en op dit ogenblik ter rede gearriveerd.
- 10 uur 's avonds. De WILLEM III is tussendeks gelost. De sleepboot BROUWERSHAVEN, is wegens de harde westenwind op de rede gevlucht. Het weder, dat gedurende een dag enigszins bedaard was, is tegen de avond weer zeer onstuimig geworden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 december 1859. Het Nederlandse schip JEANNE AGATHA, kapt. Jager, van Bo’ness (opm: Borrowstouness) naar Dordrecht, is alhier lek en met losgeraakte lading binnengelopen. Het zal moeten lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 28 december 1859. De Nederlandse bark HERCULES, kapt. J.F. Detering, van Amsterdam naar Batavia, heeft op de Galloper gestoten en is bij het Noord-Voorland (opm: North Foreland) geankerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 28 december 1859. Het schip JEANNETTE, kapt. Lund, van Odessa naar Drontheim (opm: Trondheim), is alhier met verlies van grote mast en schade aan de lading binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 30 december 1859. Het Nederlandse schip (opm: kof) PIETER, kapt. G. Oostervink, van Leith naar Malaga, is alhier met verlies van zeilen binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 29 december 1859. Het alhier op 20 dezer gearriveerde Nederlandse schip GRIJPSKERK, kapt. Zomerdijk, van Rio Janeiro naar Londen bestemd, heeft schade en zal gedeeltelijk moeten lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 29 december 1859. De Nederlandse schepen ALBLASSERWAARD, kapt. von Lindern en VICE ADMIRAAL GOBIUS, kapt. van Duijn, beiden hier met een lading steenkolen naar Java bestemd, hebben al een geruime tijd zeilklaar gelegen, doch konden wegens te weinig water niet vertrekken en zullen hoogstwaarschijnlijk nog tot het volgende springtij moeten wachten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Barrow, 20 december 1859. Een gedeelte van de lading ex het gestrande schip CORNELIA, kapt. Abers - zie NRC van 27 dezer - is gered en met de inventaris hier aangebracht. Men hoopt ook het overige met het schip te behouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

La Rochelle, 29 december 1859. De Nederlandse schoener PELIKAAN, kapt. Jansonius, van Liverpool naar Livorno, is alhier lek binnengelopen en moet lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Padang, 28 oktober 1859. De Nederlandse schoener JOHANNA EN LOUISA is in publieke vendutie geveild en opgehouden, doch later uit de hand verkocht (opm: binnen Oost-Indië aan een Chinees), hernoemd BAROS en bestemd voor de kustvaart.


02 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 1 januari. Heden heeft men aanhoudend uit het schip WILLEM III gelost en is een groot gedeelte van de lading geborgen. Daar het schip wrak is, heeft men tot de berging van de inventaris moeten overgaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 1 januari. Het alhier gearriveerde Nederlandse schip MARY GODDARD - zie NRC van gisteren - heeft zwaar gestoten en anker en ketting verloren, doch maakt weinig water.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 januari. Het schip JACOBA MARGARETHA, kapt. Van Kampen (opm: G.H. Kampen), van Stockholm naar Antwerpen, is, volgens brief van Delfzijl van 29 december, aldaar zwaar lek, met verlies van zeilen, verschansingen, watervaten en met ingeslagen roef binnengelopen, na reeds tot bij 't Vlie geweest te zijn en aldaar tot in het gezicht van de branding van de buitengronden geen loodsen gezien te hebben. De kapitein vreesde voor schade aan de lading.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 december 1859. Het alhier van New York gearriveerde Nederlandse schip WILLEM FREDERIK, kapt. Visser, heeft de kluiverboom verloren en andere schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 30 december 1859. De Nederlandse kof ZELDENRUST, kapt. G.K. de Groot, van Hamburg naar Berwick, is de 10e dezer in de Noordzee gestrand, doch het volk gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostende, 30 december 1859. De bij Oost-Duinkerken gestrande brik D’ARTAGNAN heeft met de lading en inventaris in publieke veiling FFR 4000 opgebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malta, 24 december 1859. Het schip JOHANNES, kapt. Hansen, van Alexandrië naar Falmouth, is alhier lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 31 december 1859. De alhier afgekeurde kof ANNEGINA, van Pekel-A, is in publieke veiling voor 1850 Reichsthaler verkocht.


03 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 2 januari. Door de stoomboot NORFOLK werd hier heden met verlies van schroef binnengesleept de stoomboot RHONE, van Messina naar Rotterdam bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 2 januari. Circa 3/4 gedeelte der lading van het gestrande schip WILLEM III en enige inventaris is gered. Van de lading is veel beschadigd. Men gaat nog steeds voort met de berging.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 2 januari. Gedurende het jaar 1859 zijn alhier binnengekomen 85 schepen, waaronder 5 van Java, een van Hyères, en een van Santos.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gravesend, 30 december 1859. Het schip HERCULES, kapt. J.F. Detering, van Amsterdam naar Batavia – zie NRC van 1 januari – is alhier binnengelopen. Het moet nagezien worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kanagawa (opm: havenplaats nabij Tokyo), 20 oktober 1859. Het Nederlandse schip (opm: fregat) NASSAU, kapt. S.J. Huffnagel, is alhier afgekeurd en zal verkocht worden. De ARGONAUT, kapt. Carst, ligt nog onbestemd alhier ter rede.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. Binnerts te Heerenveen zal op dinsdag 10 januari 1860 (in plaats van op de 4e), voormiddag 10 uur, ter huize van J.G. Landman, aan de Echtenerbrug onder Delfstrahuizen, bij voorlopige toewijzing, presenteren te verkopen: een huis en scheepstimmerwerf, schuur en verdere aanbehoren, met onvrije stede en grond, staande en liggende aan de Groote Middel Turfvaart onder Echten; eigen aan R.K. Slager.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te Heeg scheepstimmerwerf te huur, op mei e.k. en ook terstond te aanvaarden, liggende aan de Heegumervaart. De gereedschappen kunnen op taxatie overgenomen worden. Dezelve is ook zeer geschikt voor zeilmakerij en taanderij.
Te bevragen bij E.G. Vlink te Sneek.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Kofschip, groot 11 ton, met zeil en treil en verdere inventaris. Te bevragen bij J.A. van Elsloo te Sloten.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Tjalkscheepje, groot 16 tonnen, met zeil en treil. Te bevragen bij Hendrik Huisman te Oosterzee.


04 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 januari. Volgens particulier schrijven van kapt. M. Kimmerer, voerende het Nederlandse barkschip CONSTANCE, van Padang te Brouwershaven binnen, heeft hij gedurende het laatste gedeelte van zijn reis met veel stormweer en oostelijke wind te kampen gehad, waardoor zeilen en tuigage veel geleden hadden. De 13e december had hij gepraaid het Engelse schip ARETHUSA, kapt. Martin, van Manilla naar Cork; aan boord van dat schip, dat toen 66 dagen reis had, had men gebrek aan provisie en bijna alle zeilen verloren. Kapt. Kimmerer heeft, voor zover in zijn vermogen was, in een en ander voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 3 januari. Uit het gestrande schip WILLEM III is tot heden geborgen en alhier aangebracht 78 kanassers, 98 matten en 110 zakken suiker; 764 balen en 506 zakken koffie; 62 kisten en een partij talk; 5 kisten nootmuskaat; 2309 stuks huiden; 150 kisten indigo; 483 pakken tabak; 1490 bossen rotting; benevens nog drie volgeladen grote ligters met diverse lading. De goederen aan boord van de ligters, zijn meest droog; de andere, die in een pakhuis opgeslagen liggen, meer en minder beschadigd. Het schip zit geheel onder water.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Berwick, 31 december 1859. Het Nederlandse schip ELSINA, kapt. Mulder, van Karbecksmünde (opm: Karrebaeksminde) naar Londen, is alhier met verlies van anker binnengelopen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 3 januari 1860. Alhier zijn binnengekomen: de 1e dezer HENDRIKA, kapt. W. van Aalborg, van Batavia naar Rotterdam, de 2e dito, CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer, van Padang, en FACTORY, kapt. J. Jansen, van Batavia, beide naar Rotterdam.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 28 december 1859. Zo wij wel onderricht zijn, is voor rekening van de firma Major Matzen & Co alhier, te Glasgow een stoomboot gebouwd, bestemd alhier voor de kustvaart. Dit vaartuig, waarvoor geen kosten te zijn gespaard, ten einde het de passagiers zo gemakkelijk mogelijk te maken, zou 164 voet lang zijn en de naam dragen van PRINS VAN ORANJE.


05 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin (opm: Szczecin), 1 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen ABELDINA, kapt. Olthof, en EENDRAGT, kapt. Kamminga.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Het van Batavia te Brouwershaven gearriveerd clipper-fregat TERNATE, kapt. Cars Tz, heeft door een stortzee de kluiverboom verloren terwijl vijf man van de equipage zijn gekwetst. Overigens alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Het schip BARON VAN PALLANDT VAN ROOZENDAAL, kapt. Hoogenstraaten (opm: bark BARON VAN PALLANDT VAN ROZENDAAL, kapt. A. van Hoogenstraten), 29 december van Cardiff naar Singapore vertrokken, lag, wegens particulier schrijven van 31 december l.l. uit Cardiff, aldaar wegens tegenwind op de buitenrede geankerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Het schip STAD HAARLEM, kapt. Brandts, van Buenos Aires voor Antwerpen aangekomen, is, volgens brief van daar d.d. 2 januari, bij het in het dok komen, door het stoomschip BRITANNIA aangevaren, en heeft belangrijke schade aan rondhout en tuig bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 3 januari. Heden is alhier in het West India Dock aangekomen om te repareren het Nederlandse schip HERCULES, kapt. J.F. Detering, van Amsterdam naar Batavia bestemd, zie NRC van 3 dezer en vroeger.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 3 januari. Met het schip RESOLUTION, kapt. Christoffels, van Bilbao naar Kroonstad, werd alhier aangebracht de bemanning van de kof TWO BROTHERS, welke bodem 27 december op de reis van Newcastle naar Malaga op 46º 30' N.B. en 4º25' W.L. is gezonken. (red: het Nederlandse kofschip TWEE BROEDERS, kapt. Riensma [opm: TWEE GEBROEDERS, kapt. W.N. Riensema, zie NRC 100160 en 240260], is medio december of daaromtrent van Newcastle naar Malaga vertrokken.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 3 januari. Het alhier gearriveerde Nederlandse schip REINHARD, kapt. Van den Sprenckel, van Batavia naar Amsterdam, heeft boegspriet, kluiverboom en zeilen verloren.


06 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 5 januari. De lading van de lichters uit het gestrande schip WILLEM III – zie N.R.C. van 4 januari – bestaat uit 952 balen koffie, 366 pakken en 2 kan. tabak, 125 kisten en een partij losse Japanse was, twee kanassers suiker, 126 kanassers indigo, 536 stuks huiden en 9 colli regalen. De lichters hebben deze goederen zelf uit het schip overgenomen en vertrekken heden daarmee naar Rotterdam. Later is nog aangebracht enige doornatte koffie en nog andere goederen door elkander. Men is thans bezig met het gezonde uit de geredde lading zoveel mogelijk uit te zoeken, om dit dan naar Rotterdam te vervoeren. Het zwaar beschadigde zal maandag a.s. alhier worden verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 3 januari. Zondag de 1e dezer, werd alhier aangebracht kapt. J. van Heuvelen, zijn vrouw en kind, benevens de equipage van de Nederlandse schoener ANTJE HAVERBULT, welke bodem 22 december op de reis van Newport naar Alicante op de hoogte van de Taag gezonken is. (opm: zie ook NRC 270160 en 290160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 4 januari. Het Nederlandse schip JANNA ADRIANA, kapt. Francken, van Newcastle naar Cadiz, is alhier met gebroken grote ra binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 31 december 1859. Het schip TEUTONIA, kapt. Lange, van Stettin (opm: Szczecin) naar Bordeaux, is op de kust van Medoc verongelukt.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het Veerschip van Oosterzee en Follega op Leeuwarden en Sneek, zoals het door Uilke K. Brinksma als eigenaar wordt bevaren.
Te bevragen bij bovengenoemde te Oosterzee.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Aardappelsnik, voor een billijke prijs, met zeil en fok; te bevragen bij R.J. Swart, op Camstraburen te Leeuwarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een overdekt Snikscheepje te koop, groot 4 ton, wel onderhouden, met nieuw zeil enz. Te bevragen bij IJ. Bergsma te Dronrijp en te bezichtigen des dinsdags, donderdags en zaterdags.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Hektjalk met complete inventaris, groot 63 ton. Te bevragen in het Schippershuis bij R.J. Brouwer te Leeuwarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. G. Postumus, kandidaat notaris te Joure, zal op maandag 9 januari 1860, ’s avonds om 7 uur, ten huize van Quarré aldaar, in één zitting veilen en finaal verkopen: een overdekt en gewegerd Kofscheepje, groot 12 tonnen, genaamd de HOOP, met zeil en treil en verdere inventaris, liggende in de Kolk te Joure.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee scheepstimmerknechten, die hun werk verstaan, kunnen met maart 1860 vast werk bekomen bij J. de Jong, scheepstimmerman bij de Potmarge te Leeuwarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Bij gesloten briefjes te huur, voor de tijd van 3 of 5 jaren: een huis en scheepstimmerwerf, met nieuwe schuur en twee sleephellingen, staande en liggende gunstig gelegen aan de Compagnon en Zestien Roeden Vaart bij de Veensluis, in het meer bij Heerenveen. Aanvaarding 5 maart 1860.
Condities zijn te vernemen bij den notaris A. Binnerts te Heerenveen, bij wie de briefjes franco moeten worden ingeleverd voor de 21e januari 1860.


07 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 januari. Het Nederlandse schip LIBRA, kapt. Oostra, van Landscrona naar Londen, is alhier met verlies van zeilen, kluiverboom en verschansing binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 5 januari. Het Nederlandse schip (opm: brik) DONNA JOHANNA, kapt. A.J. Borst, van Cardiff naar Bahia, is alhier met verlies van zeilen en verschansingen binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egesund (opm: Egersund, N), 26 december 1859. De Amsterdamse kof MARIE, kapt. Henrichs, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met rogge naar Groningen, is met belangrijke schade te Medbrocsvaagen binnengelopen en zal hier moeten komen om te repareren.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

In het jaar 1859 zijn in de provincie Groningen gebouwd 69 koopvaardijschepen, te samen metende 9.045 ton. Daaronder waren 30 schoeners en brikken, 28 galjoten en koffen, 11 kleinere zeeschepen. Bij de aanvang van het jaar 1860 waren in aanbouw 87 schepen, die vermoedelijk 6.551 roggelasten zouden inhouden.


08 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig (opm: Gdansk), 5 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen JOHANNA ELSINA, kapt. Mulder, ZWAANTJE BOER, kapt. Pronk, AGINA UNDINA, kapt. Brouwer, en MARGARETHA CATHARINA, kapt. N.J. Stenger, de beide laatsten onlangs uit zee teruggekomen.


09 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 6 januari. De Nederlandse bark JAN HENDRIK, kapt. H. de Jong, van Genua naar Havre, welke, na voorbij haar bestemmingsplaats gestormd te zijn, alhier ter rede vluchtte, heeft op de reis zeer slecht weder ondervonden en daarin vele zeilen verloren. Heden avond was het schip genoodzaakt anker en ketting te slippen om aandrijving te voorkomen.


Krant:

  RC - Rotterdamsche Courant

Vlissingen, den 5 januari. Aangekomen: EDOUARD, kapt. P. Louws.
(opm: na lossing in Antwerpen is de bark op 11 april 1860 naar Wismar verkocht, om onder dezelfde naam met kapt. C.J. Ahrens verder te varen; op 13 juni 1872 is het schip op de Zweedse kust bij Svartklub [niet gevonden] gestrand, afgebracht en naar Stockholm gesleept, waar het is afgekeurd en verkocht; deze in 1829 als DIOMEDES gebouwde ex-Zuid-Nederlandse schoenerkof is in 1830 onder Belgische vlag gebracht, in 1832 vernaamd tot ÉGIDE, in 1848 vertuigd tot bark en in 1852 vernaamd tot EDOUARD)


10 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 8 schepen, als:
Voor Rotterdam: TWEE GEZUSTERS, kapt. P. Keuzenkamp; GUINEA, n.n.; ZEPHIR, kapt. N.J. de Vries; GOUVENEUR VAN SWIETEN, kapt. A. van der Harst.
Voor Amsterdam: NEDERLAND, kapt. F. Hoekstra; HENRIETTA, kapt. J. Portengen; ARDJOENO, kapt. J.F.A. Rap; JAVAAN, kapt. H. Munnix.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed tot mijn en mijner kinderen grote droefheid in de ouderdom van 45 jaren mijn geliefde echtgenoot Peter Abraham Hövig, gezagvoerder van het Nederlandse barkschip LOUIS. Ik verlies in hem een braaf echtgenoot en mijn kinderen een zorgvolle vader.
Rotterdam, 8 januari 1860. Wed. P.A. Hövig, van der Benning. Enige en algemene kennisgeving.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Volgens de Rotterdamsche Courant is het zeker dat de op 27 december gezonken kof – zie NRC van 5 januari – is de Nederlandse kof TWEE GEBROEDERS, kapt. W.N. Riensma, van Newcastle naar Malaga. Het volk is, als bereids gemeld, behouden te Deal gearriveerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 9 januari. Heden zijn alhier aangebracht 29 kisten met duiten, gevist uit het wrak van het gestrande schip WILLEM III.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 6 januari. De Nederlandse schoener JACOMINA, kapt. J. Homan, van St. Domingo naar Cuxhaven, is alhier lek en met onklare pompen binnengelopen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping te Woudsend. De notaris G. Zandstra te Balk zal op vrijdag 20 januari 1860, des avond 6 uur, ten huize van de logementhouder R.C. Wielsma te Woudsend, tegen uitloving van strijk en verhoog geld, in het openbaar, provisioneel veilen:
-1: Een hechte, sterke en wel onderhouden Huizinge met timmerschuur, bleek en erf, benevens bij uitnemendheid zeer geschikt gelegen en van ouds met veel succes gedreven scheepstimmerwerf, waarop 3 hellingen, 1 touwhok, 1 hok tot berging van diverse goederen en waarbij tevens een jagthuis, alles staande en gelegen op het Noordeinde van het vaarwater de Ee te Woudsend, bekend ten kadaster sectie A nos. 274, 275 en 276, ter grootte van 12 roeden 28 el, en zulks in 2 percelen, met recht van samenvoeging. Alles nagelaten door Roelof Durks Noorderwerf, in leven te Woudsend; de 12e mei 1860 te aanvaarden.
-2: Een nieuw overdekt Kofscheepje, staande op voormelde scheepstimmerwerf, lang ongeveer 10 el, wijd plm. 2¾ el en hol 1¼ el, zijnde hetzelve nog niet afgewerkt en zonder mast of enige tuigage.
(opm: LC 270160 meldt dat op kavel 1 is geboden NLG 1601 en op 2 NLG 855)
-3: Een Jagt met zeil, treil en verder toebehoren, zoals hetzelve thans ligt in het jagthuis bij voormelde scheepstimmerwerf en ten dage des verkoop zal liggen in het vaarwater de Ee te Woudsend.
-4: Een best onderhouden Tjalkschip, met mast, zeil en treil, en verdere inventaris, groot 64 ton, zodanig hetzelve is liggende in het vaarwater de Ee te Woudsend en door Jan Geerts Drost is bevaren.
(opm: LC 170160 meldt dat het gaat om het Hek Tjalkschip de VRIENDSCHAP; LC 310160 rapporteert dat hiervoor NLG 1425 is geboden)
De 2e en 4e percelen 8 dagen na de finale toewijzing en het 3de perceel dadelijk te aanvaarden.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 9 januari. Alhier zijn binnengekomen: de 6e januari: JEANETTE en CORNELIA, kapt. J. Verhoeven, van Rotterdam naar Hongkong, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND, binnendoor van Hellevoetsluis; de 7e dito. ANGELINA, kapt. W.S. Kliber, van Riga naar Antwerpen, als bijlegger met gebroken roer; de 8e dito JOHANNA GESINA (opm: ook JOHANNA GEZIENA), kapt. B.J. van der Veen, van Stockholm naar Gent, als bijlegger.
Uitgezeild zijn: de 6e dito CATHARINA WILHELMINA, kapt. F.H. Popken, van Rotterdam naar Batavia, met een detachement troepen sterk 150 man, en ALLEGONDA JACOBA, kapt. B.C. Deurholt, van Rotterdam naar Amboina, en de 8e dito WILHELMINA ROSALIA, kapt. H. Meuldijk, van Brouwershaven naar Newcastle.


11 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swinemünde (opm: Swinousjcie), 7 januari. Het schroefstoomschip JONGE PAUL, kapt. H.B. de Jonge, is, nevens drie andere schroefboten, opgevaren om het ijs in de Haff, dat 7 duim dikte heeft, door te breken, doch is bij de Lebbiner Bergen moeten blijven liggen. De drie andere stoomboten zijn wegens de sterkte van het ijs onverrichter zake teruggekeerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Koningsbergen (opm: Kaliningrad), 1 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen WELDAAD, kapt. Voogd en TWEELINGEN, kapt. Poorta; – tussen hier en Memel (opm: Klaipeda) FENNECHINA CATHARINA, kapt. Pomper; GEERTINA, kapt. Meijer en MARIA, kapt. Tent; – te Pillau (opm: Baltiysk) UNION, kapt. Oostra.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men is voornemens ten overstaan van de notaris Van Steenbergen, gevestigd te Sliedrecht, op dinsdag de 24e januari 1860, des namiddags ten 3 ure, te Sliedrecht, ten herberge van A. Prins Az, in het openbaar te verkopen: een overdekt statie tjalkschip, genaamd DE VROUW ELISABETH, groot 108 tonnen, met al deszelfs toebehoren, zeilen, rondhout, staand en lopend want en verdere inventaris, liggende te Sliedrecht aan het boveneinde voor de wal, bij K. Visser Kz. Inmiddels uit de hand te koop.
Nadere onderrichting te bekomen bij K. Visser Kz, te Sliedrecht en ten kantore van gemelde notaris.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op een nader te bepalen dag zal te Soerabaija worden verkocht: het Nederlands-Indisch brikschip HENRIETTE, gebouwd in 1857, ladende plus minus 4500 picols (123 gemeten lasten), nieuw gekoperd in december l.l. met 30 en 28 once metaal, kopervast en voorzien van een volledig inventaris. Alhier (opm: Batavia) dagelijks te bezichtigen. Nadere informatiën bij de agenten Schimmelpenninck & Co. (opm: zie JB 250260)


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie op dinsdag 17 januari 1860, à 4% vendu-salaris voor het commissiehuis van Van Slooten, Morgan & Co van diverse lijnwaden, 40 balen Adrianopel rode garen, ongebleekte shirtings, madapollams, Adrianopel rode katoenen, 80 balen Hollandse goeniezakken (opm: jute-zakken), ca. 500 picols Zweeds ijzer, en voor rekening van wie zulks zoude mogen aangaan, 1 gebroken bezaansmast en verdere rondhouten, zeilen, geel bladkoper en spijkers, alles afkomstig van het alhier ter rede in averij liggende Nederlandse schip (opm: fregat) JOHANNES ANTHONIUS, kapt. F. Metz. Voorts nog 1 sloep van 8 riemen.


12 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Het schip (opm: brik) BIAFFRA, kapt. M. Evenwel, van Brass-River naar Rotterdam, is hedenmorgen wegens tegenwind te Plymouth binnengelopen. Alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 11 januari. Het gisteren naar Newcastle vertrokken schip (opm: brik) NIEUWE ROTTERDAMSCHE GAZFABRIEK, kapt. H. de Goede, zit tussen de stenen en houten baken op het strand. Het lost de ballast.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 7 januari. Het Nederlandse stoomschip TWENTHE, van Kampen naar Hull, is alhier met schade aan de machine binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Douglas (eiland Man), 7 januari. De COLUMBUS, kapt. Breckwoldt (opm: buitenlander), van Liverpool naar Curaçao, is met verlies van zeilen, anker, ketting en tuigage alhier uit zee teruggekomen, zijnde op de hoogte van Ramsey Head in aanzeiling geweest met een Nederlands kofschip.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swinemünde (opm: Swinousjcie), 8 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen BROEDERTROUW, kapt. De Bey, EENDRACHT, kapt. De Boer en JONGE PAUL (st.), alle drie naar Stettin (opm: Szczecin) bestemd.


13 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 22 november 1859. Vrachten. Sedert het laatste bericht hebben slechts weinig vrachtzoekende schepen onze rede bereikt en hebben wij het daaraan te danken dat de vrachtkoersen niet verder zijn achteruitgegaan, maar integendeel enige verbetering aantonen. Voor weinige dagen geleden werd de Nederlandse brik CORNELIA EN GEERTRUIDA bevracht te Cheribon (opm: Cirebon) en Kandanghauer de lading in te nemen, bestaande in suiker en rijst naar Amsterdam tot NLG 60 per last dooréén. De LOUISA ROELOFFINE bedong slechts NLG 57,50 voor suiker en NLG 52,50 voor koffij op de kust te laden naar Amsterdam. STAD SCHIEDAM werd opgenomen voor een zoutvracht langs de kust tot NLG 18 per koijang (opm: = 30 pikol; een schoudervracht van maximaal ca. 62 kg.) VIER GEZUSTERS en SOERABAIJA liggen in lading naar Nederland.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Waterford, 9 januari. Het Nederlandse schoenerschip JACOBUS, kapt. Lancker, van Liverpool naar Bahia, is alhier met verlies van grote boom binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rendsburg, 7 januari. Alhier overwinteren de volgende schepen: ELISABETH HELENA, kapt. Strootman, van Memel (opm: Klaipeda) naar Bremen; EVERDIENA GEERTRUIDA, kapt. Leezeman, van Holbeck naar Groningen; AVONTUUR, kapt. Spanjer, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Buxtehude; AURORA, kapt. Harberts, van Riga naar Schiedam; GEZINA ELSINA, kapt. Deen, van Malmoe en LUCTOR ET EMERGO, kapt. Peters, van Flensburg, beiden naar Antwerpen; SJAMKE, kapt. Egberts, van Flensburg naar Bremen en REMDA, kapt. Taaken, van Aarhus naar Brussel.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop van een huis, scheepstimmerschuur en helling c.a. te Wartena.
De notaris Z.S. de Haan te Leeuwarden zal, op nader te bepalen tijd, ten huize van Feenstra, kastelein te Wartena, ten verzoeke van de heer mr. W.W. Kutsch, advocaat te Leeuwarden, qq, finaal verkopen: een huis, no. 58, scheepstimmerschuur en helling en erf, staande en gelegen aan het vaarwater aan de Buren te Wartena, sectie B no. 271, groot 21 roeden 90 el, en no. 272, groot 8 roeden 50 el; bij Bote van der Kolk in eigen gebruik; de 12e mei 1860 te aanvaarden; waarop geboden is de geringe som van NLG 852.
(opm: LC 200169 meldt dat in tweede instantie is geboden NLG 902)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Friese Hektjalk, genaamd de ZWERVER, lang 20,720 el (70 voet), wijd 4,736 el (16 voet), hol 2,072 el (7 voet), groot 83 ton; in 1843 te Woudsend nieuw uitgehaald, bevaren door de weduwe Johs. D. de Jong, thans liggende op de Kerkewal te Gorredijk, worden geveild. Zijnde dezelve intussen uit de hand te koop, te bevragen aan boord, of met franco brieven aan den heer J.G. de Jong te Gorredijk. (opm: bovenstaande maten zijn waarschijnlijk de hoofdafmetingen over alles, vergelijk ook LC 240160)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een hecht en wel onderhouden Tjalkscheepje, lang 13,616 el (46 voet), wijd 3,330 el (11¼ voet), hol 1,332 el (4½ voet), des verkiezende met de gehele inventaris; alles 6 jaar oud; liggende ter bezichtiging aan ’t Oosteinde te Sneek, bij de eigenaar Pieter Westra. Verder te bevragen bij Jan Cats, scheepstimmerman te Echtenerbrug.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Al diegene, die schipper T. Meijer, varende op een praampje, groot 27 ton, kan opsporen, zal vijf gulden tot een vertering hebben.
Adres bij de boekhandelaars de erven J.J. Tijl te Zwolle. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, groot 23 tonnen, met zeil, treil, haken en bomen, anker en tros, staand en lopend want, en verder aanbehoren, liggende bij de scheepstimmerwerf aan de Buren te Heeg. Te bevragen bij de notaris G.S. Zijlstra aldaar.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden en snelzeilend Tjalkschip, groot 21 ton, met volledige inventaris.
Te bevragen bij de eigenaar Sjouke Faber te Workum. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Voor de stoomboot HARLINGEN wordt gevraagd een Onderhofmeester, met bedienen bekend. Men adresseert zich in persoon of met franco brieven aan de directie te Harlingen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.W. Nauta te IJlst zal op zaterdagen de 21e en 28e januari aanstaande, telkens des avond te 6 uren, provisioneel, ten huize van W.J. Zult, en finaal, ten huize van Bergsma, kastelein te IJlst, publiek bij strijk- en verhoog geld, presenteren te verkopen: het beurtschip van IJlst op Sneek et vice versa, met zeilen, tuigage en verdere inventaris, benevens de gerechtigheid van het veer, zodanig hetzelve thans door de eigenaar T.G. Visser wordt bevaren. Dadelijk na de toewijzing te aanvaarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie Te koop voor een civiele prijs: een wel onderhouden Veerschip, groot 16 ton, met of zonder inventaris, bij S. Zwat te Grouw.


14 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. van Rossum, makelaar, zal op maandag de 30e januari 1860, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ verkopen:
- Een extra ordinair welbezeild, in 1859 nieuw gezinkt brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: CATHARINA ELIZABETH, gevoerd door kapt. Justus Zuiderduin. Volgens meetbrief lang 22 ellen 70 duimen, wijd 4 ellen 88 duimen, hol 3 ellen 21 duimen, en alzo gemeten op 158 tonnen of 83 lasten, liggende in het Oosterdok aan de Dijk.
- 2/80 aandelen in het gekoperd Nederlands fregatschip DOCTRINA ET AMICITIA, gemeten op 696 tonnen; varende onder directie van de heren A.L. van Harpen & Zoon, volgens de laatste berichten op Java beladen wordende voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij.
- 1/10 en 1/20 aandeel in het gekoperd Nederlands brikschip JOHANNES ALBERTUS, thans hernaamd WILHELMINA MARIA, gemeten op 266 tonnen, varende onder directie van de heer J.C. Londt, thans liggende voor deze stad.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Het schip MARGARETHA SIMONETTA, kapt. Hoffman, van Amsterdam naar Batavia, in het Nieuwediep zeilklaar liggende, heeft de 11e januari door aandrijving van het schip WASSENAAR, kapt. Hofstee, de boegspriet enz. verloren en meer andere schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Het schip DOETHEA CHRISTINA (opm: kof DOROTHEA CHRISTINA, zie NRC 251259), kapt. H. van Weerden Poelman, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, bij Elseneur gestrand en aldaar als wrak verkocht, is na het lossen van een groot gedeelte van de lading af- en de 8e januari te Elseneur (opm: Helsingör) binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Het schip REMELIA JOHANNA, kapt. Scholtema (opm: waarschijnlijk kapt. D. Schotema), van Amsterdam naar Genua, is, volgens brief van de kapitein, in dato Livorno 7 januari, na voor Genua weggestormd te zijn, bij Livorno achter de Malora bank gedreven en sedert van daar voor 3 ankers weggeslagen. Het moet lossen, het schip had geen schade.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 januari. Het schip WASSENAAR is gisterenavond bij het verhalen in aanraking geweest met het schip PANTALON, waarbij eerstgenoemde enige averij aan de verschansing heeft bekomen en een van de boten is verbrijzeld. Van laatstgenoemd schip is de kluiverboom gebroken, terwijl het ook nog enige andere minder belangrijke schade heeft bekomen. De WASSENAAR is niettemin hedenmorgen uitgezeild.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 12 januari. Van het schip HELENA, kapt. Ohlsen (opm: buitenlander), van Stockholm naar Londen, 28 oktober Kopenhagen gepasseerd, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 november 1859. Het alhier met schade uit zee geretourneerde schip JAVA, kapt. Van Dam, van Pangool naar Amsterdam gedestineerd, heeft de lading gelost en zal nog deze week op Onrust in het dok gebracht worden. Van de lading zijn 188 balen koffie min of meer beschadigd bevonden en deze zullen op vendutie verkocht worden.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 12 januari. Uitgezeild: HAAMSTEDE, kapt. H.H. de Boer, van Zierikzee naar Cardiff.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 11 januari. Binnengekomen: KRIMPEN a/d LEK, kapt. W. Ouwehand, van Rotterdam naar Kanagawa (bij Jeddo [opm: bedoeld wordt Jedo, thans Tokyo]), gesleept per stoomboot BROUWERSHAVEN binnendoor van Hellevoetsluis.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie op maandag 16 januari 1860 voor het commissiehuis van Abeelen, Dennison & Co, van lijnwaden, Engelse deur- en kastsloten, zadels, waarloze hoofdstellen, spijkers, 100 vaten harst, 100 picols Java suiker, puike boter, 200 doz. Hollands bier, djatie houten balken, gesloopt koper, ijzer, houtwerken, waaronder 200 dekdelen, afkomstig van het schip PRINCES SOPHIA (opm: bark PRINSES SOPHIA, zie NRC 070759), ankers, kettingen, 1 stel koperen scheepspompen met toebehoren, een barkas, enz.


15 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 12 januari. Het Nederlandse schip BEATRIX, kapt. van Wijk (opm: bark, kapt. C.A.L. van de Wijck), van Sunderland naar Singapore, is alhier binnengelopen om een lek te stoppen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 13 januari. Het Nederlandse schip JACOBUS MARTINUS, kapt. F. Meppelder, van Sunderland naar Singapore, is alhier lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Decima, 6 november 1859. Het schip A.R. FALCK, kapt. P. van Duyvenbooden (opm: bark, kapt. P. van Duyvenbode), van Batavia alhier aangekomen, heeft veel slecht weder en in de Chinese Zee verscheidene typhoons doorgestaan, doch slechts weinig schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De griffier G. van Wage zal ten verzoeke van zijn principaal op woensdag de 18e januari 1860, voormiddags 9 uren, binnen Brouwershaven om contant geld in het openbaar presenteren te verkopen: een grote partij scheepstuigage, bestaande in ankers, kettingen, zeilen, touwwerk, masten, staand en lopend want, bindrotting, 17 stuks beschadigde huiden, voorts dekplanken en verdere houtwaren, liggende langs de zeedijk van Brouwershaven tot op de hoogte van Renesse, alles afkomstig van het gestrande schip WILLEM III gevoerd geweest door kapt. C. van der Burg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 maart. Het schip AEOLUS, kapt. Schaafsma, van Newcastle naar Odessa, is, volgens telegrafisch berigt van Konstantinopel, verongelukt, doch het volk door een Oostenrijks schip gered (opm: zie NRC 250360).


16 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Java Bode deelt in haar nommer van 26 oktober 1859 mede een brief van kapt. M. Koenen, behelzende de bijzonderheden van het verongelukken van het Nederlandse barkschip LAURENS KOSTER, waarvan wij in ons nommer van 31 oktober 1859 kortelijk melding maakten. Wij laten deze brief (opm: eerder opgenomen in JB 261059) hier in zijn geheel volgen:
Aangenaam zoude het mij zijn, indien in Ued. geacht en veel gelezen blad het hieronder volgende konde geplaatst worden. Het is langs deze weg, dat ik de gelegenheid waarneem om mijne familie, vele vrienden en kennissen, met het verongelukken van mijn onderhebbend schip, de LAURENS KOSTER, bekend te maken.
Nadat ik voor enige maanden van Java naar China vertrokken was en thans de laatste plaats mijner bestemming ( Amoy) bereikt had, moest ik hier ook al weder, evenals op Java mijn lot geweest was, door de ziekelijke handelstoestand werkeloos blijven liggen; toen ik eindelijk een vrachtje veroverd had, dat, al verdiende ik er geen schatten bij, mij toch weder gaande zoude houden, had ik dientengevolge mijn schip beladen en was klaar om zee te kiezen, om naar de haven van Shanghai, de eerste plaats van mijn contract, te stevenen, toen ik, in de morgen van de 28e augustus 1859, de loods aan boord nam, om mij naar buiten of in zee te brengen. Met het aanbreken van de dag hadden wij goed weer, een stijve N.O. koelte en voorspelde mijne weerglazen geenszins de verschrikkelijke storm, die weinige uren later zulke vreselijke verwoestingen zoude aanrichten.
Ik begon met de dag anker te winden en had, omstreeks 8 ure, stuurboords anker gelicht en zoude nu ook eveneens bakboord anker lichten, toen ik daarmede niet kon voortgaan, daar de al meer en meer aanwakkerende koelte en het doorkomende ebtij mij beletten onder zeil te gaan, aangezien het schip door de vele om hetzelve ten anker liggende schepen niet konde slaags vallen. Ik wachtte dus tot des achtermiddags, toen, daar de wind enigszins oostelijker gelopen was en het schip door stroom slaags lag, de loods beval anker te lichten en onder zeil te gaan. Ik liet daarop anker-winden, doch de meer aanwakkerende koelte en zware stroom waren oorzaak, dat het schip niet slaags vallende, ik het anker-winden moest staken en de zeilen weder vast maken. Ik acht het mij verplicht te zeggen, dat de haven van Amoy, hoewel een zeer goede ankerplaats, echter zeer beperkt is en, wanneer men er ook de beste ankerplaats uit de haven heeft, men nauwelijks zeven of acht scheepslengten van de rotsen en klippen verwijderd ligt. Des avonds ten 7 ure van de 28e was de wind hard toenemende en heb ik mijn onderhebbend schip daarop wederom vertuid, of liever, meer verstaanbaar, het tweede of zware anker laten vallen en vermeende nu gerust te kunnen zijn, daar de deugdelijkheid mijner ankers en kettingen mij reeds vroeger gebleken was. Ten 10 ure van de 28e des avonds woei het reeds een storm; zodanig waren wind en weer in kort toegenomen en thans mijne weerglazen hard dalende of beter slecht weder voorspellende. Het weder, dat schrikkelijk toenam, deed mij ten 12.30 uur verschrikt opspringen, toen ik, met een zware invallende bui, dacht, dat de ankerkettingen sprongen. Ik begaf mij onmiddellijk vooruit, doch zag daar, dat het schip achter zijn beide ankers drijvende was en ik recht op de klippen toezette, die zich achter het schip in korte nabijheid bevonden. Ik beval onmiddellijk, en zo was ook des loodsmans gevoelen, die zich nog bij mij aan boord bevond, om zoveel doenlijk ketting te steken, doch nu bespeurde ik, dat het schip reeds zodanig was doorgegaan, dat het geheel door klippen omringd was, waarop het onherroepelijk zoude verbrijzeld worden, indien niet een spoedig bedaren van weder volgde en onmiddellijke assistentie verleend werd. De nacht was echter donker en het weder thans tot een typhoon geklommen, zodat niemand mij ter hulpe kon komen. Ik had evenwel door noodschoten het mij dreigend gevaar zoveel mogelijk kenbaar gemaakt.
Mijn toestand wezentlijk benard zijnde, zette ik met de dag onmiddellijk noodsein op; nog steeds was het weder toenemende en heb ik mijne equipage bevolen om bramstengen en raas neer te nemen, waarmede zij dan ook werkzaam waren en hetgeen volvoerd werd. Ten 7 ure in de morgen van de 29e augustus, op mijn noodsein afkomende, zond een alhier ter rede liggend Engels oorlogsschip een boot ter assistentie, bemand met 1 officier en 34 man, aan wie ik een anker gaf om uit te brengen, ten einde het schip van de klippen zo doenlijk vrij te winden, want sedert 5 uur 30 minuten had het schip onophoudelijk liggen stoten, doch door wassend water bleef het nog niet vastzitten en weerstond de zwaarste stoten, die ons van het dek deden opspringen, zonder lek te worden. Genoemde boot, waaraan ik anker en tros gegeven had, ging nu van zijde, doch konde niet alleen het anker niet uitbrengen, maar stormde onmiddellijk zodanig weg, dat zij een spoedig heenkomen naar land zocht, want zelfs mijn schip konden zij niet meer bereiken. Ik was nu bedacht, om de noodzakelijkste artikelen tot berging voor de hand te krijgen, want ik zag maar al te wel in, dat het lot van mijn onderhebbend schip hier beslist was; steeds stootte het zwaar en, daar het nu een verschrikkelijke typhoon woei, was ik niet in staat, de minste poging aan te wenden tot redding van schip en lading. Daar het schip tussen de klippen zat, die als 't ware op de rede liggen, was ik in staat een gezicht over de rede te hebben en kan gerust zeggen, dat er bijna geen schip op de rede lag, dat niet in nood verkeerde. Hier en daar zag men verscheidene schepen, wier ankers doorgegaan zijnde, op elkander gedreven waren en dreigden ieder ogenblik naar de klippen te stormen. Dit gevaar werd nog aanmerkelijk vergroot door de Chinese jonken, die meest allen van hunne ankers geslagen, hulpeloos en geheel verlaten tussen, tegen en voor de schepen heen en weder stormden, totdat evenals mijn ongelukkig schip de zeeën ze tegen de klippen sloegen en deden zinken.
Met het doorkomende ebtij ten 2 ure van de 29e augustus, begon het weder te bedaren en deed de tot mijn assistentie gekomene boot van het oorlogsschip, die inmiddels van land was gekomen, nog een poging, om het door mij aanhaar afgegeven anker uit te brengen, doch was door wind en zee niet in staat, het in een behoorlijke richting te plaatsen en was ook nu het schip, door het spoedig wegvallen van het water, reeds over het geheel op de klippen vastgeraakt. Ik heb daarop al het mogelijke geborgen en moest mij zelven daarmede haasten, want ten 5½ ure viel het schip bijna plat op zijde en brak ongeveer op de hoogte van de voorspanten doormidden.
Het water, dat bij het buitengewoon springtij, 6 voet hoger dan gewoonlijk was opgevloeid, liet het schip met laag water acht voet boven waterpas droog liggen. Zodanig was het verongelukken der LAURENS KOSTER, die weinige uren van te voren nog klaar lag, om in zee te lopen en nu slechts een wrak kon geheten worden. Ik heb al het mogelijke van het wrak geborgen, doch, daar mijn lading hoofdzakelijk uit suiker bestond, zo ging deze geheel en al verloren.
Men kan zich ook geen denkbeeld vormen van de behendigheid in het stelen van de Chinezen in zulk een geval en alleen door vuurwapenen en vuistrecht,- want moed of onverschrokkenheid is juist geen hoofdtrek in het Chinese karakter, kon ik die lastige brutale rovers enigszins van mij afhouden. Ik eindig hiermede en zal alleen nog zeggen, dat het naar Java bestemde Franse schip JEAN BART mede achter zijn ankers op het strand is weggeslagen en dat de averijen aan de in de haven liggende schepen aanmerkelijk zijn; hier ontvingen wij het bericht, dat zeven schepen in Swatow verongelukt zijn; dagelijks komen hier schepen, geheel of gedeeltelijk masteloos, binnen en ik wil daarvan alleen het te Samarang te huis behorende Nederlands Indisch schip BINTANG ANAM, kapt. De Gee, noemen, dat geheel ontredderd en masteloos hier voor enige dagen binnen kwam en bovendien nog de equipage aan boord had van het Engelse schip CHIEFTAIN, dat in het Formosa Kanaal in deze zelfde typhoon was gezonken. Vele schepen worden nog vermist, doch daar ik mij niet gaarne met gissingen ophoud, zo heb ik alleen daadzaken vermeld; het is evenwel waar, dat er voor vele schepen mag gevreesd worden, want de dagelijks ontredderd binnenkomende schepen doen maar al te zeer zien, dat de typhoon mede op zee vreselijk gewoed heeft. De wind was in de typhoon N.O. en N.N.O. en liep door het O. naar het Z; laagste stand van mijn barometer 2920 (opm: 988.8 mbar), thermometer 84 (28,9º C). Ook de schade, door deze vreselijke typhoon aan de kooplieden alhier berokkend, is aanmerkelijk, daar het bijzondere hoge tij er begroot is plus minus USD 10.000 schade aan de koopmansgoederen te zijn veroorzaakt.
Ik heb de eer mij met achting te noemen Ueds. dw. dienaar, M. Koenen. Gezagvoerder van de LAURENS KOSTER.
Rede Amoy, 19 september 1859


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 15 januari. Door de mist is een stoomboot in de bank aan de grond, waarschijnlijk de SEINE. De commissaris der loodsen is met de loodsschokker derwaarts.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia en Soerabaja ligt te Amsterdam in lading, het Nederlands nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregatschip HERCULES, gevoerd door kapt. J. Schout. Dit schip biedt door deszelfs uitmuntende inrichting een uitnemende gelegenheid aan tot de overvoer van onderscheidene passagiers. Families of bijzondere personen hiervan gebruik wensende te maken, worden beleefdelijk uitgenodigd zich ten spoedigste aan te melden bij de cargadoors B.D. Bosscher & Zoon te Amsterdam. (opm: eerste reis)


18 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 januari. Door directeuren van de Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding der Schipbreukelingen van deze stad, zijn in het jaar 1859 de volgende beloningen toegekend en aan de belanghebbende uitgereikt geworden:
Een gouden medaille aan kapt. James Smith, voerende het Engelse driemastschip NORTHUMBRIAN, voor de redding van de equipage van het Nederlandse barkschip OLIVIER VAN NOORD, kapt. J.F. Timmermans, op de reis van Australië naar Java de 7e juni 1858 op het Kenn's rif gestrand en verbrijzeld. (opm: zie o.a. JB 140758)
Een zilveren medaille aan Robert Spence en aan James Balfour, stuurlieden aan boord van de NORTHUMBRIAN, die de sloepen waarmee de equipage van de OLIVIER VAN NOORD van het wrak werd afgehaald, bestuurden; en een gratificatie voor de overige bemanning van die sloepen.
Een gouden medaille aan kapt. F. Dejeau, voerende het Franse driemastschip PERVU, voor de redding van de equipage van het Nederlandse schoonerschip ADOLF EN MARTINUS, kapt. F. W. Ridder, op de reis van de kust van Afrika naar Rotterdam, de 2e juli 1858 in de Zuid-Atlantische Oceaan in zinkende staat verlaten (opm: zie NRC 140858).
Een grote zilveren medaille aan kapt. F.W. Nielsen, voerende het Deense schip MARGARETHA, en een zilveren medaille aan de bij hem aan boord zijnde matroos W. Ezau, voor de redding van de equipage van het Nederlandse kofschip MARGARETHA HENDRIKA, kapt. H.T. de Jong, op de 3e oktober 1858 in het Kattegat totaal verongelukt (opm: zie NRC 161058).
Een gouden medaille aan kapitein S.F. van der Hoef, voerende het Nederlandse barkschip SOPHIA ELISABETH, van Amsterdam, voor de redding van de equipage van het Engelse barkschip JEANNIE JOHNSON, kapt. J.W. Johnson, van Canada naar Hull bestemd. Op zijn reis van Amsterdam naar New York ontmoette kapt. Van der Hoef, op de 31e oktober 1858, genoemd barkschip dat tot aan het dek gezonken, op zijn houtlading ronddreef, terwijl de equipage zich gedurende acht dagen in de mars had gered en opgehouden; aan boord van de SOPHIA ELIZABETH overgevoerd, werden zij door kapt. Van der Hoef verpleegd en behouden te New York aangebracht. (opm: zie NRC 040659)
Een grote zilveren medaille aan T. Vroom, 1e stuurman en een grote bronzen medaille en gratificatie aan P. Visser, zeilmaker aan boord van de SOPHIA ELIZABETH, die de equipage van de JEANNIE JOHNSON, tezamen 15 personen, in drie tochten met de jol van het wrak afhaalden en op hun schip overvoerden.
Een grote zilveren medaille aan schipper G.G. Molenaar, een zilveren medaille aan de zeeloods K. Ree, aan de loods-kwekelingen J.E. Koop en J.J. Klijn en aan de matroos W.G. Molenaar, allen van de loodsboot van Terschelling no. 1, voor de redding van de equipage van het Engelse barkschip ELDORADO, kapt. S. Harfield, op de reis van Caldera naar Hamburg, op de 6e maart 1859 bij Terschelling gestrand; en een gratificatie voor de overige bemanning van de loodsboot. (opm: zie NRC 080359)
Een grote gouden medaille aan kapt. W.G.D. Kreutzfeldt, voerende het Hamburger brikschip LAGUNA, voor zijn van 27 tot 29 maart 1859 verleende assistentie aan en redding van de passagiers en equipage van het Nederlandse schip EUROPA, kapt. J.G. Tromp, op terugreis van Java naar Rotterdam in de Atlantische Oceaan gezonken (opm: zie NRC 130459). Deze equipage en passagiers, tezamen 40 personen, zijn door kapt. Kreutzfeldt met opoffering van een gedeelte van zijn lading, aan boord genomen en de 12e april 1859 behouden te Hamburg aan wal gezet.
Een zilveren medaille aan kapt. M. Kwakkelsteijn, voerende het Nederlandse hoekerschip DE JONGE WOUTER, van Vlaardingen, voor de redding van de equipage van het Engelse brikschip FLIRT, kapt. G. Jackson, van Newcastle naar Oporto bestemd en op die reis gezonken. Op de 13e april 1859 werd deze equipage, die haar schip met de boot verlaten had, door kapt. Kwakkelsteijn ontmoet, opgenomen en na 10 dagen behouden te Lissabon aangebracht.
Een zilveren medaille aan L.C. Biesta, kapitein; een bronzen medaille aan J. Goverde, bootsman en aan L. van der Sluijs en A. den Boer, matrozen, allen van het Nederlandse stoomschip TELEGRAAF NO. IV, voor de redding van de equipage van het Nederlandse tjalkschip VROUW JOHANNA, schipper Zijlemans, op de 15e april 1859.
Een gouden medaille aan A. van der Schee, loodschipper; een grote zilveren medaille aan J. den Hartog, matroos, aan M. Welman en A. van der Ham, zeeloodsen, en aan S. Hijftijger, loods-kwekeling; een zilveren medaille aan A. Hoogvliet en J. Millart, zeeloodsen en aan J. Lindt, tezamen uitmakende de equipage van de Loodsboot No.1, van Goedereede en Maas, voor de redding op 1 september 1859 van de equipage van het op de droge ribben gestrande Engelse brikschip REBECCA EN ELISABETH, kapt. Dawson, van Newcastle naar Rotterdam bestemd. (opm: zie NRC 020959)
Een gratificatie aan P. Weltevreden c.s., te Brielle, die met zijn ijssloep met 6 personen bemand, de equipage van het Engelse brikschip LILYDALE, in de middag van 26 oktober 1859 bij de Hoek van Holland gestrand, in de vroege morgen van 27 oktober redde en behouden te Brielle aan wal zette. (opm: zie o.a. NRC 281059)
Nog werd een gouden medaille toegekend aan kapt. P.H. Haack, voerende het Hamburgse schip MAIN, die op zijn reis van Hamburg naar New York, de 19e november 1856 kapt. K.A. de Groot en twee van zijn manschappen, van het mastenloos in de Noordzee ronddrijvende Nederlandse schoenerschip ENGELINA JACOBA redde en op de 31e december 1856 te New York aanbracht (opm: zie NRC 210157). De overige equipage was reeds 7 dagen vroeger door kapt. S. Halfweg, voerende het Nederlandse stoomschip HOLLANDER, gered en te Kopenhagen aangebracht (opm: zie NRC 191156). Deze beloning is eerst in dit jaar uitgereikt, doordat kapt. K.A. de Groot eerst in december 1858 directeuren met de omstandigheden van de redding bekend maakte.
De reddingboten en verdere reddingstoestellen van de maatschappij te Ter Heijde, aan de Hoek van Holland, Brielle enz. alsmede de voortdurend in dienst zijnde reddingkotter WILLEM VAN HOUTEN en SCHOKKER NO. 2, te Zierikzee gestationeerd, zijn voortdurend in de beste toestand en blijven aan hun bestemming beantwoorden en goede diensten bewijzen.
Uit het onder de administratie van directeuren van deze maatschappij staande fonds van wijlen mejuffrouw I.M. de Raath, werden in het jaar 1859 wederom 76 weduwen en 154 kinderen van noodlottig omgekomen zeelieden ondersteund, waartoe een som van NLG 2.880 vereist werd. Sedert het jaar 1838, toen dit fonds gevestigd is, zijn omtrent 500 weduwen met ruim 900 kinderen daaruit ondersteund en voor armoede behoed geworden; de hoogst aanzienlijke som van ca NLG 46.000 is daartoe besteed geworden. De aanvragen om onderhoud vermeerderen echter met het steeds toenemende getal schipbreuken en vermiste schepen en het wordt voortdurend moeilijker in de vele daardoor ontstane behoeften te voorzien. Directeuren menen het hun plicht te zijn om in het belang van de nagelaten betrekkingen van een groot aantal in de uitoefening van hun even moeilijk als gevaarvol beroep, omgekomen zeelieden, de aandacht van weldenkenden en weldoenden op dit fonds te vestigen. Slechts éénmaal toch werd een bijdrage bij testamentaire beschikking, aan hetzelve vermaakt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 17 januari in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam:
- 1/16e aandeel in het barkschip de BEURS VAN ROTTERDAM, kapt. de Vos, boekhouders de heren C.W. van Dam & Co te Rotterdam, op Java ladende voor Nederland: NLG 650,- verkocht.
- 1/30e aandeel in het barkschip de ZWIJGER, kapt. Hoogland, boekhouders de heren G. van Hoogstraten & Zoon te Dordrecht, op een reis via Australië naar Java: NLG 510 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramgate, 15 januari. De Belgische schoener DANIEL, kapt. van Yper, van Antwerpen naar Liverpool, is na op het Goodwin Sand aan de grond gezeten te hebben, in diep water gezonken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 15 januari. De Nederlandse bark ERASMUS, kapt. J. van Heiningen, van Rotterdam naar Amboina, is na onder Duins (opm: The Downs) anker en tuig verloren te hebben, naar de rede van Margate gevlucht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 16 januari. De Nederlandse schoener LEVANT, kapt. Tolner, van Montevideo, is hedenochtend door een stoomboot van hier naar Hamburg opgesleept.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 14 januari. Wegens de harde vorst liggen verscheidene naar zee bestemde schepen alhier in de haven, onder anderen het Nederlandse schip LUCTOR ET EMERGO, kapt. Kuipers. Er is weer drijfijs op de rivier.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carthagena, 1 januari. De Nederlandse schoener AGATHA, kapt. T. van Slooten, van Messina naar Antwerpen, is op de hoogte van Malaga met een stoomboot in aanzeiling geweest en alhier dientengevolge met schade binnengelopen. (opm: zie NRC 080460 en 210560)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carthagena, 1 januari. De Nederlandse bark GEERTINA, kapt. Mooi, van Odessa naar Cork, is alhier lek en met schade aan het tuig binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carthagena, 1 januari. Het Belgische schip LOUIS, kapt. Mathijs, van Odessa naar Antwerpen (met lijnzaad) is alhier lek en met gebroken grote mast binnengekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia, voor goederen en passagiers, waartoe hetzelve uitmundtend is ingericht, het extra snelzeilend, Nederlands gekoperd brikschip JAN VAN GALEN, kapt. P.H. de Boer.
Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuyzen.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 7 januari. Heden vertrok van hier naar Grissee de Nederlands-Indische bark OOSTERLING, thans hernaamd OOSTERLING INGSOEN, kapt. Tan Kik Lan.


Krant:

  JB - Javabode

Vlissingen, 11 november 1859. Het schip PHOENIX, van Middelburg, wordt gesloopt. (opm: zie NRC 240959)


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op woensdag, de 25e januari 1860, zullen de ondergetekenden publiek verkopen op 's Lands werf (opm: te Batavia) ten 9½ uur Zr.Ms. voor de dienst afgekeurde schoenerbrik PADANG, zo als zij is liggende aan het Marine Etablissement te Onrust, met mastgestel, staand en lopend tuig, een stel zeilen en een anker met ketting, en daarna de waarloze inventaris van dien bodem.
John Price en Co


19 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 januari. Het schip (opm: fregat) STAATSRAAD BAUD, kapt. T. de Jong, van Batavia herwaarts bestemd, is, volgens brief van Batavia van 23 november l.l, die dag zwaar lek aldaar ter rede uit zee teruggekomen, hebbende hevige stormen doorgestaan en reeds 11º Z.B. en 97º O.L. bereikt. Het moest lossen. (opm: zie o.a. JB 210160 en NRC 010360)


20 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men verneemt dat door de heren Gebroeders Schutte, werktuig-fabrikanten te Amsterdam, een vernuftig uitgedacht toestel is vervaardigd, om de bodems van ijzeren schepen van dorens en aangegroeide zeegewassen te ontdoen, zonder dat het nodig is het schip daartoe te doen dokken. Een proef, in de afgelopen week met dit toestel genomen, is boven verwachting geslaagd. Het ijzer clipperschip CALIFORNIA, aan de werf liggende, is aan bakboordzijde in enige uren geheel schoon geschrapt, zodat, toen het schip twee dagen daarna in het droogdok werd gezet, deze zijde, tot aan de kiel, als geheel schoon en glad zich voordeed, terwijl de stuurboordzijde, die met voordacht de bewerking van het toestel niet had ondergaan, geheel dicht met doorns langhalzen en andere zeegewassen bedekt was. Belangrijk is deze uitvinding te noemen voor ijzeren schepen en stoomboten, want thans bestaat de mogelijkheid, om gedurende de reis, zodra men aan het verminderen van de vaart bemerkt dat het schip aangegroeid is, in enige uren de huid weer glad en schoon als te voren te maken en aan het schip de gewone vaart te hergeven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 januari. Volgens brief van kapt. H. Uitermark, voerende het schip (opm: bark) SHANGHAE, van Amsterdam naar Samarang, d.d. Anjer 20 november, had hij gedurende de gehele reis voortdurend stilte gehad en was hij toen sedert 16 dagen tussen Java-hoofd en Anjer kruisende; het schip bevond zich in goede staat en aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 januari. Gedurende het jaar 1859 zijn alhier binnengekomen 495 zeeschepen, metende 94.164 tonnen, waaronder 259 Nederlandse en zijn van hier vertrokken 585 zeeschepen, metende 109.128 tonnen, waaronder 320 Nederlandse.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 17 januari. Heden is de Nederlandse kof MARIA, kapt. Van der Star, met wegens ijsgang lek schip en meer andere zeeschade binnengelopen en zal moeten lossen om te repareren. De lading bestaat uit ijzer, teer en pek, komende van Stockholm en bestemd naar Leer (Oost-Friesland).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 januari. Gedurende het jaar 1859 zijn alhier binnengekomen 110 schepen, waaronder 47 voor hier, 14 voor Middelburg (waarbij 6 van Java), 7 voor Neuzen (opm: Terneuzen), 2 voor Schiedam 3 voor Rotterdam en 37 als bijleggers.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven. De Nederlandse schoener LOUIS, kapt. Johansen, van Amsterdam met een lading suiker naar Konstantinopel (opm: Istanbul) bestemd, is alhier met enige lichte schade aan de boeg binnengelopen, zijnde in aanzeiling geweest met een grote schroefboot.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 9 januari. Eergisteren stak alhier een hevige storm op, die gedurende de nacht tot orkaan aanwies en eerst tegen de avond enigszins verminderde. Onder het getal der schepen, die meer en minder averij bekwamen, behoort ook de Nederlandse hoeker KURKHANDEL, kapt. L. den Breems, die op een ander schip is gedreven en welke schepen beduidende schade bekwamen alvorens zij van elkander geklaard waren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoop van twee stoom-schroefschepen.
G.J. Boelen, A. Roland Holst, A. Roquette en J.R. Bos Janszen, makelaars, zullen op maandag de 27 februari 1860, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen:
1. Het stoom-schroefschip KÖNIGIN MARIE, varende onder Rostocker vlag, gebouwd in het jaar 1855. Volgens meetbrief lang, 45 ellen, 20 duimen; wijd 3 ellen, 27 duimen; hol 3 ellen, 24 duimen en alzo gemeten op 172 Nederlandse tonnen, buiten de machinekamer; voorzien van een paar directwerkende machines van lage drukking, van 60 paardenkracht. Beladen diepgaande, vóór 28 palmen (ca 9 Engelse voet); achter 35 palmen (ca 11¼ Engelse voet) en onbeladen vóór 15 palmen (ca 5 Engelse voet) en achter 24 palmen (ca 8 Engelse voet).
2. Het stoom-schroefschip GEORGE V, varende onder Deense vlag, gebouwd in het jaar 1854. Volgens meetbrief lang 39 ellen, 60 duimen; wijd 3 ellen, 57 duimen; hol 3 ellen, 23 duimen en alzo gemeten op 159 Nederlandse tonnen; voorzien van een paar direct werkende machines van lage drukking van 50 paardenkracht. Beladen diepgaande vóór 28 palmen (ca 9 Engelse voet); achter 34 palmen (ca 11 Engelse voet) en onbeladen vóór 16 palmen (ruim 5 Engelse voet) en achter 21 palmen (ca 7 Engelse voet).
Beide met derzelver inventarissen, bij biljetten vermeld. Blijvende beide schepen tot 14 dagen vóór de veiling uit de hand te koop door bovengenoemde makelaars, bij welke alle verdere inlichtingen te verkrijgen zijn.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, den 19 januari. Gedurende het jaar 1859 zijn van de zeezijde te Harlingen o.a.
Binnen gekomen: 259 Nederlandse, 119 Engelse, 2 Franse, 92 Noordse, 3 Pruisische, 3 Mecklenburgse, 7 Deense, 1 Hamburgse en 9 Hanoverse, te samen 495 schepen, metende 94.092 ton, tegen 550 schepen, metende 113.624 ton in 1858.
Uitgegaan: 320 Nederlandse, 137 Engelse, 2 Franse, 90 Noordse, 3 Pruisische, 3 Mecklenburgse, 8 Deense, 1 Hamburgse en 21 Hanoverse, te samen 585 schepen, metende 109.128 ton, tegen 507 schepen, metende 99.768 ton in 1858.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Eerstdaags zal, door het ministerie van notaris de Jong te Wommels, publiek worden verkocht:
-1: Een koopmanshuizinge.
-2: Een prompte huizinge en erf.
-3: Het gerenommeerde Snikschip, varende in de vaste beurt van Rien op Leeuwarden en Sneek vice versa. Alles afkomstig van wijlen Poppe Feikes Vlietstra, in leven te Rien.
De beide eerste percelen de 12e mei en het 3e perceel dadelijk te aanvaarden.
(opm: omschrijving kavels 1 en 2 sterk bekort)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Albarda te Marrum zal op zaterdag den 28 januari 1860, des namiddags 2 uur, in de herberg van Steenhuizen te Birdaard, finaal verkopen:
-1: Een kapitale huizinge.
-2: Best bouwland.
-3 t/m 7: kavels Greidland.
-8: Miedland.
-9: De onverdeelde helft in een in 1856 geheel nieuw getimmerde overdekte Jaagschuit, geijkt op 9 tonnen, varende in de geoctrooieerde beurt van Wanswerder Steek op Leeuwarden, Dokkum en terug, met deszelfs complete inventaris en alle verdere aanhorigheden; thans door IJpe Jacobs Vierzen wordende bevaren; staande op NLG 1.117.
-10: Een overdekt Kofschip, geijkt op 9 tonnen, met 2 stel zeilen en verdere complete inventaris; liggende in de Ee te Birdaard; staande op NLG 245.
Alles breder omschreven in de verkoopboekjes, welke ten kantore van den notaris verkrijgbaar zijn.
(opm: kavels 1 t/m 8 sterk bekort)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nette en sterke overdekte Snik, groot 8 ton, met complete inventaris. Te bevragen bij C. Katje, op de Nieuweburen te Leeuwarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Kofscheepje, groot 18 ton, met volledige Inventaris. Te bevragen bij W.J. Reyinga, scheepstimmerman te Lemmer


21 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Heden is te Amsterdam op de werf de Nachtegaal door de scheepsbouwmeesters W. & A.H. Meursing de kiel gelegd van een ijzeren clipper-barkschip voor rekening van de Reederij-Sociëteit onder de firma van de heren J. Rahder & Co.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Samso, 14 januari. Het Nederlandse schip ADRIANA, kapt. Rosema, van Aarhuus naar Antwerpen, is alhier binnengebracht, na op circa één mijl afstand van hier gestoten te hebben. De lading is (in gezonde staat) gelost om het schip, dat veel geleden heeft, te kunnen repareren. Bij gunstige omstandigheden denkt men dat het binnen 4 of 6 weken weer zee zal kunnen kiezen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oesterrisoer, 7 januari. Het Nederlandse schip NEPTUNUS, kapt. Van der Veen, met een lading rijst enz. van Liverpool naar Rostock bestemd, is 4 dezer alhier met schade binnengelopen en moet lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antigua, 28 december 1859. Het Nederlandse schip HENDRIKA GESINA, kapt. Kwint, alhier van Liverpool gearriveerd, heeft een gedeelte van de lading, waaronder 65 balen rijst, 5 kisten thee enz, beschadigd gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Grimsby, 18 januari. De Nederlandse bark JULIUS (?) van Shields naar Oost-Indie is alhier lek binnengelopen. (Hoogstwaarschijnlijk de Nederlandse bark ULYSSES [opm: inderdaad, zie NRC 220160], kapt. Mollinger, 10 januari van Shields naar Macasser vertrokken.)


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op dinsdag de 31e januari 1860, zullen de ondergetekenden publiek verkopen voor een der Recherche pakhuizen aan de Kleine Boom het gekoperde en kopervast Nederlands fregatschip STAATSRAAD BAUD, kapt. T. de Jong, groot 326 lasten, zo als het is liggende ter rede van Batavia, zomede deszelfs inventaris, als: rondhouten, zeilen, staand- en lopend tuig, touwwerk, ankers, kettingen, restant provisiën, enz, enz. De vendutie zal beginnen ten 9 ure, zullende het schip ten 10 ure worden verkocht.
John Price en Co. (opm: zie NRC 190160)


22 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Grimsby, 19 januari. De Nederlandse bark ULYSSES, kapt. Mollinger, van Shields naar Maroïm, is alhier lek binnengelopen.


23 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 12 januari. Het Nederlandse schip KURKHANDEL heeft de 8e dezer hier ter rede anker en ketting verloren, doch is op nieuw daarvan voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 januari. Volgens heden alhier ontvangen particulier bericht is het barkschip MARIA, kapt. Van Wulven, van Rio Janeiro naar Hamburg, na vele inspanning en moeite door het menigvuldig drijfijs op de Elbe met adsistentie van twee stoomboten de 15e januari niet verder dan Glückstadt kunnen komen en aldaar veilig in de haven gekomen.


24 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Aan kapt. E. Vonck, voerende het fregatschip SUSANNE, van de heren J.R. Veder & Zoon alhier, is deze dagen een prachtige zilveren bokaal uitgereikt, als geschenk van heren officieren der marine landingsdivisie bij de Bonische expeditie, van februari 1859, tot een blijvend aandenken en een bewijs van erkentelijkheid voor de bijzondere diensten en beleefdheden, hun destijds door kapt. Vonck, te Badjoa bewezen.
De voorzijde der bokaal stelt voor de attributen van de oorlog, als: kanonnen en andere wapenen, trofeeën, enz.; het deksel prijkt met een overeind staand anker en de achterzijde bevat als inscriptie: De officieren der marine landingsdivisie bij de Bonische expeditie, aan E. Vonck. 1859.
Het bij uitstek keurig drijf- en graveerwerk wordt zeer geroemd, en onze stadgenoot, de heer J.M. Lucardie, wien de vervaardiging dezer bokaal was opgedragen, heeft zich loffelijk van zijn taak gekweten.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Friese Hektjalk, genaamd de ZWERVER, lang 11,98 el, wijd 3,92 el, hol 1.78 el, groot 83 ton; in 1843 te Woudsend nieuw uitgehaald, bevaren door de weduwe Johs. D. de Jong, thans liggende op de Kerkewal te Gorredijk, dadelijk te aanvaarden en te betalen, zal op woensdag 25 januari 1860, des namiddag om 4 uur, bij Frans van der Wal te Gorredijk finaal worden verkocht; zijnde hierop provisioneel slechts geboden NLG 1.805.
Nadere inlichtingen zijn te bekomen ten kantore van de heer J.G. de Jong te Gorredijk.
(opm: de in deze advertentie opgegeven maten zijn waarschijnlijk ontleend aan de meetbrief, vergelijk ook LC 130160)


25 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 januari. Volgens brief van kapt. L. van ’t Hoff, voerende het schip (opm: schoener) MARTINA ADRIANA, in dato Napels 14 januari, had hij 19 dagen quarantaine moeten houden; zou, na de lading gelost te hebben, maar Palermo en Messina verzeilen, om voor Nederland te laden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 januari. Bij de verschrikkelijke storm, die in de afgelopen nacht op deze kusten heeft gewoed, gepaard met donder en bliksem, en welke voor grote zeerampen doet vrezen, is het vuurschip, door de Belgische loodsadministratie op de gevaarlijke bank de Paardenmarkt in de nabijheid dezer stad geplaatst, van zijn zware ankers weggeslagen en de lichttoestel geheel vernield. Een Belgische loodsstomer is uitgezeild om het drijvende vuurschip op te sporen, terwijl het te wensen is voor de veiligheid der uit zee komende schepen, dat er zonder verwijl in dit zo grote gemis worde voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 januari. Het schip (opm: schoener) CORNELIA EN ALIDA, kapt. J. Zwanenburg, van Rio-Janeiro naar Triëst, te Gibraltar binnengelopen, heeft op de reis veel storm en slecht weer doorgestaan, en daardoor schade aan de romp en aan tuigage bekomen. De 8e dezer aldaar, te Gibraltar, door een zware orkaan overvallen, waren de ankers en kettingen onklaar geraakt, doch had het, met assistentie van een boot, ankers en kettingen van de wal, de orkaan uitgereden, en dacht kapt. Zwanenburg de 11e dezer de reis te vervolgen; in gemelde orkaan waren 5 schepen aldaar op de klippen verongelukt, terwijl andere schepen belangrijke schade bekomen hadden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 24 januari. De schoener CELESTINA, kapt. Tiquet (opm: buitenlander), komende van Cherbourg en beladen met steenkolen, is heden nabij de Uiterton gestrand. De scheepsboten liggen op strand en de bemanning, die getracht heeft zich met die boten te redden, is daarbij omgekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 12 december 1859. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip NEPTUNUS, kapt. P. Schuurman (opm: fregat, zie NRC 291259), van Batavia naar Amsterdam, is, nadat de lading gelost is, nagezien en, naar men zegt, afgekeurd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 12 december 1859. Het alhier gearriveerde schip MAGDALENO, kapt. Henrichsen, van Batavia naar Falmouth, heeft op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop veel slecht weder ondervonden.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Door de arrondissements rechtbank te Rotterdam is rechtsingang met bevel tot gevangenneming verleend tegen 13 zeelieden, ter zake van na aanmonstering te Schiedam op het Nederlandse fregat HESTER ADRIANA, kapt. G. Strang van Hees, van die bodem te Cardiff zijn gearresteerd.

ZZC 250160
Brouwershaven, 20 januari. Binnengekomen: de 20e: WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, kapt. W.J. de Boughelles Zetteler, van Batavia naar Rotterdam.
De 22e dito. ARY SCHEFFER, kapt. J.G. Kunst, van Batavia naar Dordrecht.
De 23e dito NOORD-BRABAND, kapt. H.R. Bok, van Batavia naar Rotterdam, stoomboot RHÔNE, kapt. W.J. Wilkens, van Rotterdam naar Gibraltar via Marseille, binnendoor van Hellevoetsluis.
De 23e dito is uitgezeild de stoomboot RHÔNE, kapt. W.J. Wilkens, van Rotterdam naar Gibraltar via Marseille.


26 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Volgens telegrafisch bericht, is het Nederlandse brikschip GUINEA, kapt. Van Boven Fagg, gisteren avond van hier te North-Shields aangekomen, na gedurende de overtocht met aanhoudend slecht weder gekampt te hebben. Aan boord is alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 23 januari. Het Nederlandse schip CORNELIS SMIT, kapt. Wiedenaar, van Cardiff naar Hongkong, is alhier met verlies van zeilen, boten, kombuis, verschansing, rondhout enz. binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penarth, 23 januari. De Nederlandse bark RESIDENT VAN SON, kapt. D. van der Hoff, is gisteren alhier ter rede, gesleept wordende, in aanvaring gekomen met de Napolitaanse brik POLINA, ten gevolge waarvan laatstgenoemde beduidende schade heeft bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lancaster, 23 januari. Het op 21 december j.l. alhier in de baai gestrande Nederlandse schip CORNELIA, kapt. Albers (opm: vermoedelijk Hannover vlag, zie NRC 210459), is verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Grimsby, 23 januari. Het alhier lek binnengelopen Nederlandse schip ULYSSES, kapt. Mollinger, van Newcastle naar Macassar, is heden in het dok gehaald.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Guernsey, 22 januari. Het Belgische schip (opm: schoenerkof) CONSTANT, kapt. Léopold de France, van Ostende naar Carthagena, heeft in de afgelopen nacht met hoog water op de hoogte van Roquaine gestoten en is alhier in de baai gedreven. Het schip zal weg zijn, doch het volk is gered en de lading zal geborgen worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boston, 12 januari. Het alhier van Rotterdam gearriveerde Nederlandse brikschip MINERVA, kapt. Van Ommeren, is 25 november op 49º38’ N.B. en 19º28’ W.L. en 28 december op 43º N.B. en 63º W.L. door hevige stormen belopen, waarin het schip verschansingen en boot verloor en meer andere schade bekwam.


27 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Volgens brief van kapt. Tjakkes, voerende het schip THEODORA JOSINA, van hier naar Suriname, in dato St. Helens, E.W, 22 januari, was hij aldaar in goede staat geankerd, na voortdurend zware stormen uit het zuidwesten doorgestaan te hebben en twee malen van Lizard teruggestormd te zijn. Aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 24 januari. De Belgische kof JOHANNA, kapt. E. Speckens, 5 december alhier gestrand (opm: zie NRC 071259), is heden voor NLG 1.890 verkocht.
(opm: deze in Baesrode in 1810 gebouwde pleit [in Nederland beschouwde als een kof] werd aangekocht door Boom & Co, Zierikzee, die het schip als CATHARINA onder kapt. J. Pander zelfs nog weer naar zee bracht)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het één derde in het beurtschip van Twijzel op Leeuwarden vice versa. Te bevragen bij de eigenaar R.J. Kuipers te Twijzel.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw schip, staande op de werf te Nijehaske, lang 21,608 el (73 voet), wijd 5,180 el (17¼ voet), en hol na rato, in staat op april te worden geleverd.
Te bevragen bij Van der Sluis en Twijmelaar te Heerenveen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw schip, lang 17,020 (57 voet en 6 duim), wijd 3,749 (12 voet 8 duim), hol 1,527 (5 voet 2 duim), bij P.W. Boorsma, scheepstimmerbaas te Oostermeer.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een nog hecht vaartuig met zeil en treil, ankers en touwen, en een Schelppraam, alles ingericht tot de schelpvangst, groot 21 ton.
Te bevragen bij H.H. Vink, op de Streek te Dokkum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Ledeboer te Bolsward zal aldaar op zaterdag de 28e januari 1860 provisioneel, ten huize van H.L. Franzen, en de 4e februari daaraanvolgende finaal, ten huize van D. Wiebes, in de Wijnberg, telkens des avond 7 uur, publiek verkopen:
-1: De gerechte helft in het Veerschip, varende van Bolsward op Sneek v.v, met al deszelfs bij- en aanbehoren, waarvan de wederhelft behoort aan en bevaren wordt door J. Jongbloed.
Dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden.
-2: Een nette Huizinge met plaats. (opm: ingekort)
Te aanvaarden de 12e mei 1860.
(opm: in LC 310160 is geboden op kavel 1 NLG 1.690)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoop op Texel.
Kapt. Hugh Mac Allaster, gevoerd hebbende het Engelse Fregatschip GLENORCHY, gedestineerd van Soerabaja naar Amsterdam, de 26e december l.l. in de Eierlandse gronden verongelukt (opm: zie LC 281259), als daartoe behoorlijk geautoriseerd, presenteert op maandag 30 januari e.k, des voormiddag elf ure, aan de Cocksdorp op Eijerland, ten overstaan van de alhier residerende notarissen Mrs. Willem Bok en J.L. Kikkert: 20 stuks zeilen, 2 kabels, enig gekapt touwwerk, boot en verdere scheepsinventaris, alsmede: het wrak van voorgenoemd fregatschip, met wat zich nog van ankers, kettingen, tuigage en lading daarin mocht bevinden.
Op de volgende dag, 31 januari, des avond 7 ure, in het logement den Lindeboom aan den Burg: een partij van 70 leggers arak (opm: rijstbrandewijn), ruim 600 balen gepelde en ongepelde rijst en een partijtje bindrotting, alles in meerder of minder mate, door zeewater, beschadigde toestand.
Afkomstig van en geborgen uit voornoemd schip en lading; zijnde twee dagen voor en op den verkoop voor een ieder te bezichtigen.
Nadere informatie te bekomen ten kantore van voornoemde notarissen en de heer Coninck Westenberg aldaar; zullende zondag 29 januari, des morgens 7 ure, een geschikt vaartuig te Harlingen leggen, ten gerieve der belanghebbenden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Mann zal, ten verzoeke van de heer Verwer te Makkum, maandag 6 februari 1860, ’s namiddags 2 ure, in het Schippershuis aldaar, in het openbaar verkopen:
-1: Een buitengewoon hecht en snelzeilend overdekt Praam Schuiteschip, de TWEE GEZUSTERS, groot 20 tonnen, met deszelfs uitmuntende en complete inventaris, liggende in de Krommesloot te Makkum.
-2: Een uitmuntend en wel onderhouden Veerschip, de JONGE JACOB, groot 12 tonnen; door de eigenaar J.S. van Dijk gebruikt wordende in het veer van Makkum op Franeker, met roef en rondkop, liggende in de Rijga aan de Markt te Makkum.
Beide percelen dadelijk te aanvaarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee scheepstimmerknechten kunnen vast werk bekomen bij D.D. van der Veen te Franeker


28 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Door het provinciaal gerechtshof in Zuid-Holland, eerste kamer, is de 23e dezer het volgende voor de handel niet onbelangrijke arrest gewezen:
Overwegende dat de geïntimeerde op grond van het contract van verzekering met de appelante gesloten, vergoeding vorderende van de schade, bij hem geleden aan het schip JACOBA HELENA op de terugreis van Java naar Rotterdam, moet aantonen, dat die schade is ontstaan door enig voorval of gebeurtenis, waarvoor de appelante aansprakelijk is.
Overwegende dat daartoe door de geïntimeerde is aangevoerd, dat het gemelde schip, kort na deszelfs vertrek van Batavia op de 29e oktober 1857 en bepaalde sedert de zevende november door storm en onstuimige zee in zodanig beschadigde toestand is gebracht, dat de gezaghebber is verplicht geworden een noodhaven te zoeken en te Port Louis op Mauritius binnen te lopen; dat het schip op de 26e november aldaar is aangekomen en dat op die rede de 5e en 6e december daaraanvolgende een orkaan gewoed heeft, tengevolge waarvan een ander voor anker liggend schip tegen de JACOBA HELENA is aangedreven en opnieuw daaraan schade heeft toegebracht.
Overwegende dat de geïntimeerde tot staving van dat een en ander heeft overgelegd een te Port Louis voor de Nederlandse consul afgelegde scheepsverklaring, en het aan boord gehouden scheepsjournaal, alsmede enige verklaringen wegens gedane inspecties van het schip op de 27e november, 27 en 29 december 1857 en 25 en 26 januari 1858, zich tevens beroepende op een protest, daags na de aankomst te Port Louis door de gezagvoerder voor de consul gedaan en op de omstandigheid, dat het binnenlopen van die haven had plaats gehad ten gevolge van een op de 18e november gehouden scheepsraad, nadat reeds op de 14e bevorens daarop van de zijde der bemanning was aangedrongen.
Overwegende dat de scheepsverklaring de dagtekening draagt voor 18 januari 1858, doch volgens haar inhoud nog later is opgemaakt, zijnde daarin mede vermeld de laatste inspectie van het schip, die eerst op de 26e van die maand heeft plaats gehad; en dat dus die verklaring is uitgebracht minstens twee maanden nadat het schip te Port Louis was binnengelopen en toen reeds bij herhaalde inspecties de toestand van hetzelve en de aard en hoe grootheid der schade was opgenomen en geconstateerd.
Overwegende, dat volgens art. 383 van het wetboek van koophandel de scheepsverklaring, ingeval van het inlopen in een noodhaven of van schade, moet worden afgelegd binnen 24 uren na de aankomst van het schip en dat, wat er zijn moge van een bestaand gebruik, om die wetsbepaling niet op te volgen en des echter de later gedane verklaring als bewijs toe te laten, een scheepsverklaring opgemaakt na een zo lang tijdsverloop en onder zodanige omstandigheden, als dit hier is geschied, niet tot bewijs kan strekken, voor zover zij niet van elders, en bepaaldelijk door het scheepsjournaal wordt bevestigd.
Overwegende dat zodanige bevestiging van de overgelegde scheepsverklaring in het journaal niet wordt gevonden; dat in die verklaring wind en weder tussen 7 en 15 november, zijnde de dagen waarop het hier aankomt, als hoogst onstuimig worden opgegeven en daarin wordt melding gemaakt van storm en hoge verbolgen zee, waardoor het schip niet alleen vreselijk zwaar stampte en werkte, maar ook ontzette, terwijl daartegen in het journaal alleen is melding gemaakt van stijve en frisse koelte, aan- en afnemende koelte en van wilde en hoog lopende zee, die het schip hard of zwaar deed stampen, werken en slingeren.
Overwegende, dat wel de scheepsverklaring en het journaal daarin overeenkomen, dat, nadat het schip de rede van Batavia had verlaten, er dek en lijfnaden zijn gesprongen of opengebarsten, die echter door de timmerlieden ook weer zijn dicht gemaakt, en het schip allengs meer en meer water maakte, ook zelfs bij stil weer, en dus blijkbaar lek was, maar generlei bijzonder voorval of van buiten aankomend onheil, noch zelfs het ontzetten van het schip dat er het gevolg van zou geweest zijn, en waardoor het lek zou zijn teweeg gebracht, in het journaal is vermeld, terwijl als zodanig voorval of onheil niet kan worden beschouwd, het gedurende enige dagen zwaar stampen, werken en slingeren van het schip bij stijve koelte, waartegen een in goede staat verkerend zeeschip, behoorlijk uitgerust voor een reis, als waartoe de JACOBA HELENA werd gebezigd, moet bestand zijn.
Overwegende daarenboven, dat volgens de scheepsverklaring niets belangrijks is voorgevallen, tot op de 7e november, doch op die dag het schip door een sterke wind en hooglopende zee werd belopen, waardoor het zwaar werkte en ontzette, en al dadelijk water maakte ter hoeveelheid van ¾ duim per uur; dat volgens het journaal er op 7 november was bramzeilkoelte en op de 8e frisse bramzeilkoelte, en moeilijke zee, het schip zwaar werkte en stampte, en bevonden werd dat het meer water dan gewoonlijk maakte, en dat dus, zelfs volgens de scheepsverklaring in zoverre bevestigd door het journaal, zich een lek geopenbaard had reeds op de eerste dag, waarop het weer ongunstig zou zijn geworden, en 4 of 5 dagen voor de storm, waarvan de scheepsverklaring melding maakt.
Overwegende, dat het protest van de gezagvoerder, daags na de aankomst van het schip te Port Louis gedaan en vermeld in de scheepsverklaring, niet is overgelegd, en dat, ofschoon het journaal verwijst naar een proces-verbaal, wegens de gehouden scheepsraad opgemaakt, waarin tot het inlopen in een noodhaven is besloten, ook dit proces-verbaal niet door de geïntimeerden is geproduceerd, zodat die stukken, waarvan de inhoud niet is kenbaar gemaakt, niet in aanmerking kunnen genomen worden.
Overwegende dat de verklaringen wegens de herhaalde inspectie van het schip te Port Louis, alleen bevatten een beschrijving van de toenmalige toestand en de bevonden schade, doch met uitzondering van hetgeen als het gevolg van de aldaar plaats gehad hebbende aanvaring in december werd beschouwd, geen melding maken van enige oorzaak, waaraan de bevonden gebrekkige toestand moest of zou kunnen worden toegeschreven.
Overwegende, dat derhalve door de geïntimeerde het bewijs niet is geleverd, dat de schade, die aan het schip aanwezig was of de onvoldoende toestand, waarin het zich bevond voor het veranderen van de koers en het uitlopen in Port Louis door enig zee evenement is veroorzaakt, waartegen de appelante heeft verzekerd, en hieruit volgt, dat ook de schade, welke op de rede aldaar aan het schip is overkomen, niet ten hare laste kan gebracht worden.
Overwegende, dat daarentegen niet afdoen, en veelmin tot een tegenovergesteld besluit leiden kunnen, de door de geïntimeerde overgelegde op de 6e maart 1857 te Rotterdam, en op de 1e augustus 1857 te Batavia afgegeven verklaringen van zeewaardigheid van het schip, hetwelk daarbij tevens is opgegeven gebouwd te zijn in 1840, vermits, welke waarde aan het oordeel der deskundigen, die deze stukken hebben afgegeven, ook moge te hechten zijn, hierdoor niet wordt weggenomen, of als opgeheven beschouwd zou kunnen worden de verplichting van de geïntimeerde, om als verzekerde voldoende te bewijzen, dat de door hem geleden schade, waarvan hij de vergoeding vordert, is veroorzaakt door enig voorval, waarvan de appellante, als verzekeraar het gevaar heeft op zich genomen.
Gelet behalve op het aangehaalde art. 383, op de artikelen 246, 384, 637, 638 en 639 van het wetboek van koophandel en op art. 56 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.
Passerende de subordinatie conclusie der appellante, doet te niet het hoger beroep. Alsmede het vonnis der arrondissementrechtbank te Rotterdam van 25 mei 1859, waarvan is geappelleerd, en op nieuw recht doende, ontzegt aan de geïntimeerde zijn gedane vordering, en veroordeelt hem in de kosten der beide instanties.
Gedaan en gewezen ter openbare terechtzitting van de 23e januari 1860.
(opm: zie o.a. NRC 010458 en 161160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de stadscourant van Norden vindt men het volgende:
“Onlangs verscheen een matroos, Willem Lorenzen, voor het gerecht te Hull, in Engeland, en legde onder ede de volgende verklaring af. Hij verklaarde te behoren tot de manschap van de Hollandse schoener MARIA, die voor drie weken van Marseille te Hull aangekomen was. De manschap bestond uit kapitein, stuurman, kok en 3 matrozen. De naam van de kok was Frits Landsmann, die te Hamburg aan boord was gekomen. Hij was 16 jaar, en vroeger nooit op zee geweest. Bij het verlaten van Hamburg werd hij naar boven gezonden, om iets te verrichten, dat hem zo zeer in angst zette, dat hij zijn werk maar half verrichtte. Toen hij weer beneden kwam, werd hij door kapitein en stuurman met een touw afgeranseld; telkens als hij niet kon werken wegens zeeziekte werd hij door hen geslagen.
Kortom, zij toonden duidelijk hem te haten. Vele dagen later werd hij weer geslagen, omdat hij de namen der touwen niet meer kende. Bij deze gelegenheid ontving hij 20 slagen; hij schreeuwde verschrikkelijk en had blauwe striemen over ’t gehele lichaam. De kapitein en de stuurman hadden hem sedert die tijd altoos geslagen. In zijn laatste dagen ontving hij 80 slagen, en de kapitein bedreigde hem met nog meer. Daags voor zijn dood werd hij niet geslagen; zij bonden hem het hoofd tussen de benen; daarop bonden zij een stuk hout achter zijn hals en een ander bij de knie. (De zogenaamde houten bok, een barbaarsheid, die wij meenden, dat althans op Nederlandse schepen sedert lang tot het verleden behoorde.) Ook had de kapitein de arme jongen honger laten lijden. Toen hij zo gebonden was en onder de ketting lag, klaagde hij, dat hij niet kon ademhalen. Eindelijk stierf hij, en zijn lijk werd over boord geworpen. Het gehele lichaam van de jongeling was bedekt met zweren, builen en wonden, en zijn gezicht zo gezwollen dat men hem niet meer had kunnen herkennen. De consul te Hull was gewaarschuwd, en de politie had beloofd meer omtrent de zaak te zullen opsporen.”
Om de eer van onze talrijke koopvaardijvloot hopen wij, dat dit bericht zal kunnen worden tegengesproken. (opm: inderdaad, zie NRC 200260)
(Hetzelfde voorval wordt verhaald als op een Amerikaans schip gebeurd te zijn.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. De 25e dezer is te Kampen in de vroege morgen de stoomboot TWENTHE, in de vaart tussen die stad en Hull en geladen met boter, varkens, enz, tot vertrek gereed liggende, voor de wal gezonken. Het grootste gedeelte der varkens is verdronken. Schade aan de overige goederen is van weinig belang.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Volgens brief van kapt. Van Marken, voerende het schip JACOB ROGGEVEEN (opm: fregat, kapt. J. Vos van Marken), van Newcastle naar Kema, was hij de 23e dezer op de Motherbank geankerd, na de 19e dito reeds tot bij Portland te zijn geweest, doch door een hevige storm uit het zuidzuidwesten tot bij Cowes teruggestormd te zijn. Het schip had hevig gewerkt doch was dicht gebleven, terwijl de schade aan zeilen en tuigage onbelangrijk was.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 26 januari. Het bij de Keeten gestrande schip CÉLESTINE is gisteren nacht over de tweede bank geslagen en zit thans hoog op strand. De inventaris en de scheepspapieren zijn geborgen. Het aangespoelde lijk is dat van kapt. Fiquet, gezagvoerder des schoeners. Na de lading steenkolen gelost te hebben, is het schip mogelijk af te brengen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 26 januari. Het schip WASSENAAR, kapt. Hofstee, van Amsterdam naar Batavia, laatst van de rede van Deal, is de 27e januari lek en wegens ziekte van de kapitein, in Texel uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Torbay, 23 januari. Heden is alhier met gebroken roer en andere schade binnengelopen het Nederlandse schip MARGARETHA, kapt. De Jong, van Leith naar Venetië bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 24 januari. Het Nederlandse schip (opm: kof) MINA, kapt. A.E. Hoff, van Liverpool naar St. Sebastian, is alhier met verlies van zeilen en andere schade binnengelopen. Men heeft olie van de lading opgepompt. (opm: zie NRC 160260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Teignmouth, 24 januari. De Nederlandse kof DRIE GEBROEDERS, kapt. Ranning, van Amsterdam met een lading suiker en kaas naar Triëst bestemd, is alhier met verlies van kluiverboom, 2 kluivers en enige lichte schade binnengelopen. Gepasseerde nacht onder deze plaats ten anker liggende, was men door storm genoodzaakt om anker en ketting te slippen en tot de morgen op zee te houden. Toen men heden morgen terug kwam waren de loodsen van hier bezig om het anker, dat behoorlijk verboeid was geworden, te lichten, en deze vragen GBP15 voor de teruggave, die de kapitein onwillig is te betalen, zodat door de rechtbank ten deze beslist zal moeten worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bilbao, …januari. Het Nederlandse schip DRIE AURELIA’S, kapt. Okkes, met hout van Riga komende, is alhier gestrand en totaal verbrijzeld; het volk is gered.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 26 januari. Binnengekomen: JEDO, kapt. W. van der Hoeven, van Rotterdam naar Melbourne, gesleept per stoomboot KINDERDIJK, binnendoor van Hellevoetsluis.

NRC 290160
Amsterdam, 28 januari. Kapt. Hofstee, voerende het schip WASSENAAR, van hier naar Batavia, in het Nieuwe Diep uit zee terug, meldt van daar van de 27e januari, dat het schip door het zware werken en zeilen lek geworden was, doordien het voortdurend met het voorschip onder water zat, zodat men aanhoudend had moeten pompen om het schip lens te houden; dat echter, toen het schip in stiller water en in het Nieuwe Diep kwam, de lekkage van geen belang meer was, hebbende van 12 tot 5 uur des avonds slechts één duim water gemaakt, hetgeen de kapitein deed vermoeden de lekkage boven water in de stevennaden zal moeten bestaan.


29 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Aangaande het bij de uiterton gestrande schoenerschip LOUISE, kapt. Fiquet, wordt van het Nieuwe Diep van de 26e januari gemeld, dat het over de tweede bank geslagen was en hoog op strand zat. De inventaris en scheepspapieren waren geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Het schip (opm: kof) REINA ARENDINA, kapt. A.T. Polee, met haver van Engelholm naar Londen, is de 26e januari zwaar lek, met gebroken raas en steng, verlies van ankers, kettingen en gescheurde zeilen te Delfzijl binnengelopen. Het moest lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 26 januari. Heden morgen ten 2 ure is op het oost einde van Terschelling totaal verbrijzeld de Russische bark FAMILIEN, kapt. Johan Arlin, met steenkolen van Hartlepool naar Genua bestemd. De kapitein en vijf man zijn verongelukt, terwijl de stuurman en vijf man, zich op een stuk wrak bergende, door de reddingsboot zijn gered. (opm: zie LC 310160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 26 januari. Het gisteren van hier naar Cuxhaven vertrokken Nederlandse schip (opm: schoener) CHRISTINA ALIDA, kapt. K. Welger, dat op de reis van Konstantinopel (opm: Istanbul) naar Cuxhaven alhier in averij was binnengelopen en gerepareerd had, is heden zeer lek en met verlies van zeilen geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blankenberge, 26 januari. Heden nacht is alhier gestrand het Franse schip TROIS SOEURS, van Sunderland naar Fécamp. Het schip zal denkelijk verbrijzeld worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 december 1859. Het Nederlandse schip STAATSRAAD BAUD, kapt. T. de Jong, 5 november van hier naar Nederland vertrokken en 23 daaraanvolgend zwaar lek uit zee teruggekomen, als vroeger gemeld, moet de gehele lading lossen om te repareren. (opm: zie NRC 010360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 december 1859. Het Nederlandse schip JAVA, kapt. Van Dam, van Pangool naar Amsterdam, mede, als vroeger gemeld, met schade geretourneerd, is na de lading gelost te hebben, de 28e november naar Onrust gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 5 december 1859. Het van hier op 25 november naar Amsterdam vertrokken Nederlandse schip AGATHA MARIA, kapt. van Zijp (opm: bark AGATHA EN MARIA , kapt. W.B. van Zijp) , is op het Duiveneiland (ingang van Straat Bali) aan de grond geraakt. De stoomboot PALEMBANG is tot assistentie afgezonden. (opm: zie NRC 010260 en JB 010260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 december 1859. Vrachten, Nederlandse vlag.
Naar Nederland werden opgenomen door de Factorij: de THETIS à NLG 60 voor suiker en NLG 50 voor thee, te Cheribon (opm: Cirebon), en de NEDERLAND EN ORANJE tot NLG 60 voor suiker en NLG 55 voor koffij op de kust te laden;
en door particulieren: de LOUISE ROELOFFINE (opm: LOUISE ROELOFFINA, ook LOUISE ROELOFFIENA) à NLG 57,50 voor suiker en NLG 52,50 voor koffij, de CORNELIA EN GEERTRUIDA à NLG 60 voor suiker en rijst, beide op de kust te laden, de ZUID BEVELAND à NLG 57,50 voor suiker en NLG 52,50 voor koffij, alhier en NLG 52,50 voor rijst op de kust in te nemen, de ECONOMIST à NLG 50 voor rijst, NLG 55 voor suiker en NLG 70 voor arak alhier te laden, de POSTILLON à NLG 60 voor Japanse was en NLG 70 voor huiden, alhier en op de kust in te nemen, de ELISABETH à NLG 60 voor suiker en huiden, de JACOBA à NLG 55 voor suiker en NLG 50 voor rijst, en de ECLIPSE à NLG 45 voor suiker op de kust te laden; de VIER GEZUSTERS, SOERABAIJA, KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB hebben naar Nederland aangelegd. De STAD SCHIEDAM accepteerde NLG 18 per koyang zout voor een kustreis.
Het Nederlands schip CORTGENE laadt voor rederij rekening. De Nederlandse STAD ASSEN laadt te Soerabaija naar Cowes voor orders, naar Engeland à GBP 2.15 per ton, naar het continent à GBP 3 of naar Stockholm à GBP 3.5/-.
Te koop zijn: Hamburgs schip HERSCHEL en de Engelse stoomboot SHANDON.
Het wrak met de nog inhebbende lading van het in Straat Sapoedi (opm: Selat Sapudi) gestrande schip OSIRIS (opm: zie o.a. JB 021159), is op 18 passato (opm: november 1859) te Soerabaija in veiling verkocht voor NLG 270.
Disponibel zijn de Nederlandse schepen WELVAART, HUGO GROTIUS, JAN PIETERSZOON KOEN, CHERIBON, JAN VAN BRAKEL, CHRISTINA HELENA, JOHANNES LODEWIJK, DILIGENTIA, PAUL JOHAN en GRAAF VAN HEIJDEN REINESTEIN.
De DERKINA TITIA, DRIE GEBROEDERS, YSSEL, HELMERS en HENRIETTE maken kustreizen.


30 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Samarang. In de morgen van de 24e november is op de buitenrede gearriveerd het Engelse schip REMNYDE, gevoerd door J.S. Bras, medebrengende achttien Boeginezen, welke door genoemde gezagvoerder in volle zee op omtrent 200 Engelse mijlen noordelijk van de rede zijn aangetroffen en beweren een gedeelte uit te maken van de bemanning van de verongelukte schoener FATAHOEL BARKAT, te huis behorende te Pegatan (Bandjermasin).
Genoemde schipbreukelingen zijn door de resident aan de kapitein der Boeginezen te Samarang overgegeven tot tijd en wijle een geschikte scheepsgelegenheid zich zal voordoen om hen naar Pegatan, zijnde de plaats van waar zij voorgeven afkomstig te zijn, te vervoeren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 27 januari. Het Nederlandse fregat ERASMUS, kapt. van Heyningen, van Rotterdam naar Amboina, is alhier lek met verlies van verschansing en andere schade binnengelopen, hebbende veel slecht weder doorgestaan.


31 januari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Volgens brief van kapt. Hofstee, voerende het schip WASSENAAR, in het Nieuwe Diep uit zee terug, was de lekkage bevonden in de stevennaad te zijn en dacht hij binnen weinige dagen gereed te zullen zijn tot het hervatten van de reis.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Volgens telegrafisch bericht van het Nieuwe Diep van de 30e januari was de vorige dag op Texel gestrand de Zweedse schoener MINERVA, kapt. Sjöblom, met steenkolen van Grimsby naar Alicante. Het volk is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 januari. Het stoomschip MARIE DE BRABANT, van Amsterdam naar Antwerpen, is hier heden vertrokken. (opm: nieuw gebouwd te Amsterdam voor Société Belge de Bateaux à Vapeur pour le Levant te Brussel)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 december 1859. Het schip E.W. VAN DAM VAN ISSELT, kapt. J.C. Kolm, te Soerabaija bezig zijnde met laden, is lek geworden, waardoor de belading gestaakt is.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 29 januari. De storm van woensdag op donderdagnacht (opm: 25-26 januari) heeft weder aan vele zeevarenden het leven gekost. Behalve een Franse visser, waarvan men niemand heeft kunnen redden, strandde, op de Noordergronden van Terschelling, op de Engelplaat, een Russisch Fins barkschip (opm: FAMILIEN, zie NRC 290160), met steenkool, van Hartlepool naar Genua bestemd. Het schip sloeg spoedig uit elkander, waardoor de kapitein en vijf matrozen hun graf in de golven vonden. De stuurman en vijf andere matrozen vonden hun behoud op het wrak en werden door de reddingboot behouden aan wal gebracht. Des morgens vond men het lijk van de kapitein aan het strand.


01 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 januari. Het heden van hier naar Hull vertrokken stoomschip TWENTHE is lek teruggekomen, hebbende op de Haaks gestoten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 29 januari. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip ERASMUS, kapt. Van Heyningen, van Rotterdam naar Amboina – zie NRC van 30 januari – is in de haven gebracht om te lichten en alsdan het lek te vinden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 29 januari. Het Nederlandse fregatschip HESTER ADRIANA, kapt. Van Hees, van Cardiff naar Singapore, is alhier lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 31 december 1859. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip NEPTUNUS, kapt. P. Schuurman, van Batavia naar Rotterdam bestemd, is afgekeurd (opm: zie NRC 250160). De lading zal in de schepen GALLEGO en JANE overgescheept worden en daarmede naar de destinatie vervoerd worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 8 december 1859. Het Nederlandse schip AGATHA EN MARIA, kapt. Van Zijp, van hier naar Amsterdam, in Straat Bali gestrand – zie NRC van 29 januari – is, na een gedeelte der lading over boord geworpen te hebben, vlot gebracht en hier teruggekomen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 28 januari. Binnengekomen: ALIDA, kapt. C.H. Veen, van Riga naar Schiedam.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. NLG 40.000 tot NLG 50.000 of minder benodigd zijnde voor reparatie en andere kosten ten behoeve van het Nederlandse barkschip AGATHA EN MARIA, gevoerd door kapt. W.B. van Zijp, zo worden gegadigden uitgenodigd, vóór of op 10 februari 1860 inschrijvingsbiljetten op wissels van de kapitein op zijn reders te Amsterdam, in te zenden ten kantore van de notaris Huet te Soerabaija. Bij gebreke van inschrijvingsbiljetten op wissels, zal de 11e februari 1860 ten zelfde kantoor om 10 uur 's morgens ingeschreven kunnen worden voor de benodigde gelden bij wijze van bodemerij en zal de 13e bodemerij gegeven worden door de kapitein aan de voordeligste geldlener op schip en toebehoren en desnoods op de lading, ten overstaan van de notaris voornoemd, bij wie tevens informatiën te bekomen zijn.
(opm: bodemarij of bodemerij [van bodem = schip] omschrijft Mr. J.A. Molster als eene overeenkomst tussen een geldschieter en een geldopnemer, waarbij eene som gelds wordt opgeschoten, met beding van premie en onder verband van schip of goed of beide, met dat gevolg, dat indien het verbondene, geheel of gedeeltelijk, door toevallen op zee vergaat of vermindert, de geldschieter zijn recht op de opgeschoten penningen en op de premie verliest, voor zoover dit een en ander niet op hetgeen overblijft kan worden verhaald; maar indien het verbondene schip behouden ter plaatse zijner bestemming aankomt, de hoofdsom, benevens de premie moet betaald worden)


02 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Het alhier te huis behorende fregatschip MARIA ELISABETH MARGARETHA, kapt. F.C. Bauditz, van Cardiff naar Singapore, is volgens een op heden ontvangen particulier bericht, op de Franse kust gebleven. De kapitein en 9 andere der equipage zijn bij deze schipbreuk omgekomen. (opm: zie NRC 050260 en latere berichten)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Aangaande het Nederlandse schip (opm: kof) WESTERSCHOUWEN, kapt. H.W. Boon, van Galatz naar Leith, 13 december van Falmouth vertrokken, heeft men sedert niets vernomen. (opm: zie NRC 040660)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. In de nacht van de 26e op de 27e januari zijn op de buitengronden van het eiland Ameland gestrand het Deense galjas schip FORTUNA, kapt. H.N. Fischer, met tarwe, van Naestved naar Amsterdam, en het Nederlandse kofschip RIGA, kapt. J.H. Korter, met haver en gerst, van Landerona (opm: LC 030260 schrijft in identiek verslag Landskrona en dat zal juist zijn; zie verder advertentie) naar Londen. Nadat de vier schepelingen van eerstgenoemd vaartuig waren gered, is het verbrijzeld en met de lading verloren gegaan. Slechts een gedeelte der tuigage en enige wrakken, die aan land waren gespoeld, zijn door de bemoeiingen van de burgemeester gered.
Het laatstgenoemde schip is, nadat de 7 schepelingen en des kapiteins vrouw waren gered, door de zware branding hoger op het strand geslagen, waardoor de gehele tuigage, met behulp van boten, op dezelfde wijze is geborgen. Het schip is echter geheel uit elkander gewerkt en verloren, en waarschijnlijk ook de lading.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 30 januari. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip MINA, kapt. Hof, van Liverpool naar San Sebastian, moet lossen om te repareren. (opm: zie NRC 160260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 31 januari. Het Nederlandse stoomschip RHÔNE, kapt. Wilkens, van Rotterdam, laatst van hier naar Gibraltar vertrokken, is met verlies van boten, verschansing en meer andere belangrijke schade geretourneerd. Ook een gedeelte van de lading is over boord geslagen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 27 januari. Het schip ADRIANA SOPHIA, kapt. Bakker, de 8e oktober van hier naar Antwerpen vertrokken, is met schade in een der havens van Istria binnengelopen, na reeds tot bijna in de Middellandse Zee te zijn geweest en hevige stormen doorgestaan te hebben.
Het schip heeft, na volbrachte reparatie, in de maand december de reis voortgezet.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kanagawa (opm: havenplaats nabij Tokyo), 25 november 1859. Het alhier afgekeurde Nederlandse schip NASSAU, is met de inventaris in publieke veiling voor $1.400 verkocht. (opm: zie NRC 030160)
De ARGONAUT, kapt. Carst, ligt nog onbestemd ter rede.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 30 januari. Het Nederlandse schip ALBERTINA PETRINA, kapt. Kruithof, van Nickerie naar Bristol, is alhier met verlies van zeilen en boten binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij wordt heden weer onderzoek ingesteld naar beschikbare scheepsruimte, voor haar bevrachting van Java of Sumatra terug naar Nederland, tot de gewone vracht en bekende voorwaarden.
Dit onderzoek strekt zich uit over de schepen, laatstelijk vóór of op ultimo september 1857 in gewone beurtbevrachting aan de maatschappij beladen, hier te lande teruggekomen, en over de nieuw gebouwde schepen, voor de eerste maal voor zodanige bevrachting in aanmerking komende, die vóór of op ultimo maart 1859 zijn te water gebracht.
De schepen, die rechtstreeks uit een der Nederlandse havens naar Java zullen vertrekken, moeten vóór of omstreeks de 10e maart aanstaande, in de zeehaven tot hun vertrek kunnen zeilklaar liggen.
Voor de schepen, reeds op vooruitreis vertrokken, of die in een buitenlandse haven liggen om van dáár de reis rechtstreeks naar Java te ondernemen, verlangt de maatschappij de verbintenis der rederijen, dat die schepen vóór of op de 10e juli 1860 ter beschikking van de factorij der Nederlandsche Handel-Maatschappij te Batavia zullen worden gesteld.
De schriftelijke aanbieding van scheepsruimte, in antwoord op deze aanvraag, die van de zijde der Maatschappij geen verbintenis tot bevrachting in zich sluit, wordt vóór of op de 9e februari ten kantore van de Nederlandsche Handel-Maatschappij ingewacht.
Behalve de uitgaande ruimte bedoeld bij de circulaire de dato 29 december l.l, moet ook die van de schepen welke vóór of op ultimo april 1858 zijn binnengelopen ter beschikking der N.H.M, worden gehouden, om die met goederen of met steenkolen, even als ten vorige jaar is bepaald, te kunnen beladen.
De charterpartijen, toen gebruikt, zijn van toepassing op de nu met steenkolen te beladen schepen.


03 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Agnes, 30 januari. Alhier zijn aan strand gedreven enige wrakstukken van masten, toebehoord hebbend aan een groot schip, alsmede enige scheepspapieren, toebehoord hebbende aan het Nederlandse schip MARIA ELISABETH MARGARETHA.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 25 januari. Alhier overwintert het Nederlandse schip PIETER BENTUM, kapt. Schaap.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd gedenkt op donderdag de 9e februari 1860, des morgens 9 uur, bij het Pakhuis van strandvonderijgoederen te Hollum, tegen gereed geld, te verkopen: de uitmuntende en compleet geborgen tuigage van het op 26 januari l.l. te Hollum gestrande kofschip RIGA, groot plm. 100 lasten, gevoerd geweest door kapitein Jan H. Korter, bestaande hoofdzakelijk in: 23 zeilen, merendeels zo goed als nieuw, 1 ankertouw, 1 ankerketting, 2 landvastkettingen, 3 ankers, 3 trossen, stag, want, lopend touwwerk, rondhouten, spil, lier, 2 watervaten; voorts 2 boten, 2 kachels, enige koksgereedschappen en al hetgeen verder ter verkoop zal worden aangeboden.
Bij vaarbaar weder vertrekt het postschip van Holwerd naar Ameland, des daags vóór de verkoop, des morgens te 9½ uur.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder Oostingh te Buitenpost zal dinsdag 7 februari 1860, des namiddags twee uur, in de herberg bij J.A. Bouwes te Oostermeer, provisioneel veilen: een overdekte gewegerde Tjalkschuit, genaamd HOOP OP ZEGEN, groot 17 tonnen, met deszelfs inventaris, liggende in het vaarwater in de Buren te Oostermeer, en bevaren wordende door M.A. de Vries. Condities te vernemen bij gemelde deurwaarder.
(opm: LC 100260 meldt dat is geboden de “onbeduidende som” van NLG 165)


04 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Het Nederlandse schip WESTERSCHOUWEN, kapt. Boon, van Galatz naar Leith, 13 december van Falmouth vertrokken, waaromtrent men sedert die datum niets vernomen had en over wiens lange reis men terecht zeer bezorgd werd, is blijkens een heden ontvangen bericht de 31e januari gelukkig ter plaatse zijner bestemming aangekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 februari. Aangaande het schip MINERVA, kapt. Sjöblom, van Grimsby naar Alicante, op Texel gestrand, wordt van daar van 30 januari nog gemeld, dat het schip gedeeltelijk verbrijzeld was en weg zou zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 2 februari. Een Nederlands kofschip, met een lading rogge van Dantzig (opm: Gdansk) naar de Wezer, is in de Noordzee van loodsen uit de loodsschoener CUXHAVEN voorzien. Dit schip was lek, had omvergeworpen lading en andere schade. De naam is onbekend.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Venetië, 28 januari. Het alhier gearriveerde Nederlandse schroefstoomschip TRIËST, kapt. Buijs, heeft gedurende enige uren op de bank van Lido aan de grond gezeten, doch is zonder assistentie vlot gekomen.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op dinsdag de 28e februari 1860, zal door de ondergetekenden publiek worden verkocht het gekoperde en kopervaste Nederlandse barkschip JAVA, groot 328 gemeten lasten, gevoerd door kapt. S. Stikkel van Dam, met deszelfs gehele inventaris, waarvan inzage kan genomen worden bij de heren B. Kopersmit & Co en bij de ondergetekenden Cassalette & Co.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 1 februari. Binnengekomen de Nederlandse kof MAAS, kapt. P.H. Schabeling, met zout van St. Ubes (opm: Setubal) voor Dordrecht.


05 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 februari. Aangaande het verongelukte schip (opm: fregat) MARIA ELISABETH MARGARETHA, kapt. F.C. Bauditz, van Cardiff met een lading steenkolen naar Singapore (zie NRC van 2 februari), vernemen wij volgens particulier schrijven van de 1e stuurman Latour, de volgende bijzonderheden:
Het schip had sedert het vertrek uit Cardiff 13 dagen lang met gestadig stormweer te worstelen gehad, waarin het alle zijne marszeilen verloor en eindelijk de schroefarmen van het roer heeft gebroken; zo spoedig mogelijk werd er een hulpstuurtoestel gemaakt, doch het stormweer steeds aanhoudende, werd er in scheepsraad besloten de eerste de beste haven in lij te zoeken om de schade te repareren. Dienvolgens werd naar Brest koers gezet en arriveerde men op zondag 29 januari met zeer dik weer in de Baai van Camaret alwaar het schip ten anker werd gebracht. Maandag morgen werd gezegde stuurman door de kapitein over land naar Brest gezonden om een stoomboot te halen, ten einde het schip naar die haven te slepen. Gedurende diens afwezigheid is het schip van zijn ankers op strand geslagen. Tien man van de equipage (waaronder de kapitein) verloren bij deze ontzettende ramp het leven. Aan de overigen mocht het gelukken om behouden aan strand te komen; dank zij daarvoor gebracht aan de menslievende en moedige hulp van enige inwoners van Camaret (bij Brest [opm: 15 km. ten ZW van Brest, aan de onbeschutte W-zijde van de rede van Brest]), en daaronder in de eerste plaats aan de heren Falloy, commissaris der keizerlijke marine, en Adigard, kapitein der douane te Crozon. Deze beide hebben zich boven allen onderscheiden door hun edelmoedige zelfopoffering; de eerste had bijna zijn menslievendheid met de dood bekocht, doch is gelukkig met enige wonden vrijgekomen.
Eenmaal aan wal zijnde werden zij door de strandbewoners met de grootste gulheid ontvangen en verzorgd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 februari. Het wrak van het schip GLENORCHY, van Soerabaija herwaarts gedestineerd, in de Eijerlandsche gronden gestrand, is voor NLG 300, de rijst bij 10 balen voor NLG 60 tot NLG 75, en de arak voor NLG 70 de legger verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 1 februari. Gisteren is alhier binnengesleept de Belgische schoener CLÉMENCE, kapt. Jean-Jacques Bauwens, van Antwerpen naar Genua, hebbende door aanvaring met een stoomboot zware schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Mary’s, 1 februari. Het alhier door tegenwind binnengelopen Nederlandse brikschip ZUIDERZEE, kapt. De Jong, van Harlingen naar Havana, heeft gisteren bij het onderzeil gaan ankers en ketting moeten slippen en heeft zich dien ten gevolge daarvan op nieuw moeten voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire, 2 februari. Het van Stettin (opm: Szczecin) naar Marseille bestemde Nederlandse schip (opm: kof) APOLLO’S kapt. J. Hochland, dat 28 januari alhier binnenliep, heeft averij en lost de lading om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Louis, (Mauritius), 9 januari. Het alhier binnengelopen Nederlandse barkschip BEURS VAN ROTTERDAM, kapt. De Vos, van Java naar Rotterdam, is 3 dagen na zijn vertrek van Batavia door zwaar stormweder belopen en daarin zo lek geworden, dat men genoodzaakt was, naar onze haven af te houden om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 2 februari. Met het Nederlandse stoomschip CORNELIA, kapt. J.J. Muntendam, van Triëst naar Rotterdam, werd heden alhier aangebracht 38 man equipage en 3 passagiers van het stoomschip SCAMANDER, welke bodem op de reis van Liverpool naar Alexandrië in de baai van Biscaije gezonken is. (opm: zie NRC 270560)


06 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pauillac, 2 februari. Heden is alhier met schade binnengekomen het Nederlandse schip (opm: kof) COERT CORNELIS, kapt. D.A. Klontje, van Liverpool naar San Sebastian bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sydney, 13 december 1859. Het op 30 november alhier van Rotterdam gearriveerde Nederlandse klipperschip NOACH, kapt. P. Wierikx, heeft een dag voor zijn binnenkomst in een zware storm de top van de fokkemast, voorsteng, groot bramsteng met de raas, kluiverboom en grote gaffel, benevens enige zeilen verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Louis (Mauritius), 9 januari. Het Nederlandse schip (opm: bark) PIETER, kapt. S.F. Lammerts, van Batavia naar Amsterdam, alhier binnengelopen, is op 29º Z.B. en 50º O.L. door een orkaan belopen, waarin het schip de fokke- en kruismast verloor en een lek bekwam.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, J.R. Bos Janszen, A.M. Balwé, J.F.L. Meijjes, P. Reineke en D. Heydeman Jz, makelaars, zullen op maandag de 27e februari 1860, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B. Farret, verkopen:
een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast Schoenerschip, genaamd HERWIJNEN, laatst gevoerd door kapt. A. Ouwehand, gemeten op 100 lasten of 190 tonnen, met deszelfs opstaand en lopend want, ankers, zeilen, touwen en verdere gereedschappen, breder bij inventaris omschreven.
Nader bericht bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors Gebr. van Ulphen, te Amsterdam. Gemeld schip ligt in het Oosterdok aan de dijk.


07 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip STAD OSNABRÜCK, kapt. Huttman, van Reval naar de Maas, is, na door zwaar zeilen lekkage bekomen te hebben, de 3e februari te Baltishport binnengelopen. Het moest lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam, H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zijn van mening, als lasthebbende van hunne meesters, op dinsdag de 28e februari 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499, publiek te veilen de navolgende snelzeilende, gekoperde en kopervaste Nederlandse schepen, als:
- Het barkschip PRESIDENT RAM, gevoerd door kapt. J.R. Ulrich, volgens meetbrief lang 36 el 50 duim, wijd 6 el 74 duim, hol 5 el 54 duim, en alzo groot 606 tonnen of 320 lasten. (opm: verkocht voor de sloop, zie JB 080960)
- Het barkschip FACTORY (opm: FACTORIJ), gevoerd door kapt. J. Janzen, volgens meetbrief lang 30 el 30 duim, wijd 6 el 2 duim, hol 4 el 43 duim, en alzo groot 359 tonnen of 190 lasten.
Met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventarissen, zoals dezelve zijn liggende in de Westerhaven te Rotterdam.
Nog zullen afzonderlijk worden geveild de chronometers.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. S. Nieuwland te Deinum verlangt 4 huis- en 2 scheepstimmerknechten.
Is mede uit de hand te koop: een oud schip, groot 21 ton, á contant, heel goedkoop.


08 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 februari. Omtrent het noodlottig vergaan van het Nederlandse fregatschip MARIA ELISABETH MARGARETHA, kapt. Bauditz, waarvan in de laatste nommers van dit blad onder de scheepstijdingen herhaaldelijk melding is gemaakt, verneemt men nog de treffende bijzonderheid, dat zich onder de opvarenden bevond een der zoons van de kapitein, een jongeling van 18 jaren. Nadat deze door zijn vader van boord was gezonden en, goed zwemmer als hij is, zich had gered, keerde hij naar het schip terug, om zijn vader, die niet zwemmen kon, zo mogelijk te redden. De kapitein echter wilde het leven zijns zoon aan zulk een wanhopige poging om hem te redden, niet blootstellen en zond hem weder terug. Nauwelijks was de jonge Bauditz weer op het droge, of het denkbeeld, dat zijn vader moest verdrinken, overmande hem en hij wierp zich weder in zee en trachtte, een tweede maal, op het wrak teruggekeerd, zijn vader te overreden zich aan zijn krachten toe te vertrouwen. Maar de kapitein wilde daarvan niet horen en beval zijn zoon, nu met gezag, het zinkende wrak te verlaten. De zoon bereikte daarop weer het strand, en, zoals bekend is, vond de kapitein zijn graf in de golven.
Men schrijft betreffende deze scheepsramp nog uit Camaret d.d. 2 februari, dat van de elf verdronken personen der equipage, zeven lijken zijn gevonden, waaronder dat van de dokter, van de twee stuurlieden, van de bootsman en van de hofmeester. De overige lijken had men, in weerwil van alle daartoe aangevende pogingen, niet kunnen vinden. Door de zorgen van de heer Falloy, commissaris der keizerlijke Franse marine, zijn de gevonden lijken op het kerkhof te Camaret ter aarde besteld. De gehele bevolking van dat zeeplaatsje betoonde de meeste deelneming in het lot der ongelukkige. De zeven lijkbaren, elk door vier man gedragen, voorafgegaan door de geestelijken dier gemeente, werden gevolgd door bovengemelde keizerlijke commissaris, door de 15 geredde schipbreukelingen, door het hele personeel der marine aldaar, door verscheidene beambten der douane, door het gemeentebestuur met de maire (opm: burgemeester), en een onafzienbare menigte volks. Dat alles vormde een treffend schouwspel. Nadat de kisten in het graf waren neergelaten, richtte de heer Falloy een roerend woord met betrekking tot deze droeve plechtigheid, tot de omstanders en dankte allen voor de betoonde deelneming. Daarna ging men diep getroffen uiteen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de afdeling Varia, van het Tijdschrift voor Nederlandsch Indië, van augustus 1859, komt een artikel voor, gedagtekend Soerabaija 18 mei 1859, waarin in korte woorden een oordeel geveld wordt, over de te Soerabaija gebouwde ijzeren schroefschoener genaamd DE DRAAK, bestemd voor de dienst bij de gouvernement schoeners en kruisboten.
Dat artikel, hoe kort ook, bevat zoveel onwaarheden, die van de onkunde of van de kwade trouw van de inzender getuigen, en is zo kennelijk geschreven niet het doel om daardoor een blaam te werpen, zowel op de ontwerpers en uitvoerders van dat vaartuig, als op de land-instelling, waar hetzelve vervaardigd is, dat een wederlegging niet achterwege mag blijven.
De aanhef van dat bedoelde artikel luidt als volgt:
Uit economie is te Soerabaija een ijzeren stoomschip voor de civiele marine gebouwd.
Dat moest nu eens een pronkstuk worden en is, zoals het gewoonlijk met al onze pronkstukken gaat, een totaal misbak. Gisteren heeft dat nieuwe vaartuig zijn proeftocht gedaan, en is, na één uur stomens, met een lek in de ketel teruggekomen. De vuurplaatsen zijn zo klein, dat er geen plaats is voor de stokers, en in de machinekamer is het niet houdbaar van de hitte. De gehele inrichting is allerellendigst en na de proeftocht ligt dat voor Indië gebouwde, en elf voet diepgaande schip, weer in reparatie. Het kost nu reeds NLG 250.000.
Tot weder oplegging dezer regels, dient het volgend:
1º. Niet uit economie is dat vaartuig te Soerabaija gebouwd, maar met het doel om daardoor te allen tijde genoegzaam werk te hebben voor het talrijke personeel der fabriek voor de marine, en dus om dat personeel bijeen te kunnen houden, ten einde met spoed en kracht herstellingen aan oorlogsschepen te kunnen verrichten; de kosten van aanbouw te Soerabaija staan omtrent gelijk met die van ontbieding uit Nederland.
2º. De DRAAK is geen vol stoomschip, doch een klein zeilvaartuig met schoenertuig en auxiliair (opm: hulp-) stoomvermogen.
3º. Nergens, noch uit de plannen, noch uit de bestekken, blijkt dat het voornemen bestond, een pronkstuk te bouwen; men verlangde eenvoudig een doelmatig ingerichte en licht gewapende ijzeren zeilschoener met hulp stoomvermogen, van dezelfde afmetingen als de tot dusverre bij de civiele marine gebezigde houten zeilschoeners.
4º. Aan die eisen is voldaan, door de bouw van de DRAAK; dat dit vaartuig geen misbak is, blijkt uit het onpartijdig rapport van een door het gouvernement benoemde deskundige commissie; – door die commissie is de DRAAK voor haar vertrek van Soerabaija opgenomen en onderzocht, en zowel onder zeil als onder stoom gedurende vier achtereenvolgende dagen beproefd; volgens het oordeel dier commissie is de DRAAK, geheel vervaardigd en ingericht overeenkomstig de daarvan opgemaakte en goedgekeurde plannen en bestekken, laat de uitvoering van schip en werktuigen niets te wensen over, en voldoet het vaartuig geheel aan de daarvan gekoesterde verwachtingen.
5º. De bewering van de berichtgever, als zou de DRAAK, na één uur stomen, met een lek in de ketel, terug gekomen zijn, kenmerkt weer zijn zwartgallige zucht tot kwaadaardige overdrijving. De waarheid is, dat gedurende de eerste proeftocht één van de honderd en tien koperen vlampijpen, lek bevonden is, en daarop de volgende dag door een nieuwe vervangen is. Ware de berichtgever te goeder trouw, of wel deskundige, hij zou weten dat proeftochten met nieuwe stoomvaartuigen dienen, om kleine gebreken als waarvan hier sprake is, te ontdekken.
6º. De vuur of stookplaatsen zijn vijf voet lang en tien voet breed, en bieden meer dan voldoende ruimte aan, voor de twee stokers, die de twee vuren moeten bedienen.
7º. De temperatuur in de machinekamer is even als op alle stoomschepen in Indië, 110 à 112 graden Fahrenheit (opm: rond 45º C).
8º. De inrichting, door de zwartgallige berichtgever allerellendigst genoemd, is even als die op de civiele zeilschoeners, en er is van de beschikbare ruimte zoveel partij getrokken als mogelijk was; behalve een kolenruim voor vijf etmalen brandstof, en een lading ruim voor twaalf last goed, is er achter een kajuit voor twee passagiers, een longroom met slaapplaatsen voor de gezagvoerder en de eerste machinist; in het voorschip zijn hutten voor twee stuurlieden en een tweede machinist, en een afgescheiden verblijf voor de overigens geheel uit inlanders bestaande equipage; het spreekt wel van zelf dat op een vaartuig van 110 voet breed (opm: hier zal de lengte zijn bedoeld), alles volgens een klein bestek is, en men er geen salons en hutten aantreft als op de GREAT EASTERN.
De wapening bestaat uit één lang kanon à 12 pond, midscheeps op een draaislede geplaatst, vier korte drieponders in de zijden en zes metalen kanonnen à 1 pond (draaibassen).
9º. De gemiddelde diepgang van de DRAAK geheel toe geladen, is acht voet vijf en vijf achtste duim (8 voet 8-5/8 duim Eng.) en niet elf voet.
10º. De DRAAK heeft na de proeftocht niet weer in reparatie gelegen, tenzij men de verwisseling van de lek bevonden vlampijp met die naam zou willen bestempelen.
11º. De DRAAK kost aan den lande, geheel voor de dienst, met tuig, wapening, inventaris en waarloze (opm: reserve) machinedelen, aan de waarde van de uit ‘s lands voorraad verstrekte materialen, gereedschappen en inventaris goederen NLG 62.000
aan in gereed geld uitbetaalde arbeidslonen NLG 51.700
Totaal NLG 113.700
en geen NLG 250.000.
De schoener DE DRAAK is sedert drie maanden in dienst en voldoet in alle opzichten aan de verwachtingen; de snelheid onder stoom bedraagt 7 à 8 mijl (opm: men bedoelt hier knopen), hetgeen voor een schip met hulp stoomvermogen, een zeer bevredigende uitkomst mag genoemd worden.
In het slot van zijn artikel, stelt de berichtgever uit Soerabaija, de Engelse gunboats als een voorbeeld ter navolging, doch weet waarschijnlijk niet, dat die ruim twee malen zo groot zijn als de schoener de DRAAK; zij zijn 140 à 150 voet lang, 28 voet breed, gaan twaalf voet diep, lopen 7 à 8 mijl (niet 5 à 6 voet diep bij een snelheid van elf mijl), zijn zwaar gewapend met zes of acht 30 pond’s granaatstukken, en voeren een Europese equipage naar evenredigheid van de wapening; het zijn vaartuigen van ongeveer hetzelfde charter als het Nederlandse oorlogsschip MONTRADO. Hoewel wij nu zulke schepen in Indië nodig hebben, zijn ze echter voor de diensten, waarvoor de DRAAK bestemd is, ongeschikt en veel te kostbaar. Zij kosten ieder ruim NLG 350.000.
Ten slotte zij de redactie van de te Soerabaija uitgegeven wordende Oost-Post, gerustgesteld, dat de door haar omtrent de DRAAK gedane mededeling in haar nummer 63 van dit jaar de zuivere waarheid bevat, en dat dus haar in nummer 81 geuite vrees – als zou zij de dupe geweest zijn van een uit eigenliefde verdraaid en opgesmukt bericht – geheel ongegrond is.
Batavia, november 1859


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 februari. Het schip (opm: galjoot) NOTARIS VAN BOEKEREN, kapt. J.J. Boon, van Flensburg naar Lissabon, is, volgens brief van Delfzijl van de 3e dezer, aldaar zwaar lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 7 februari. (per telegraaf). Het schip CORNELIA HENDRIKA, kapt. Jaski, van Suriname naar Amsterdam, is met verlies van boegspriet, zeilen en andere schade alhier binnengekomen. Het schip is dicht gebleven. Aan boord is alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire, 4 februari. Een Nederlands driemast schip, beladen met guano, is met schade alhier op de rede geankerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn., W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zijn van mening als lasthebbende van hunne meesters op dinsdag de 28e februari 1860, des namiddags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands Barkschip CAROLINA,
laatst gevoerd geweest door kapt. V. de Best, volgens meetbrief lang 43 el 10 duim, wijd 7 el 31 duim, hol 5 el 96 duim, en alzo groot 835 tonnen of 441 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. (opm: verkocht voor de sloop, zie JB 080960)
Nog zal afzonderlijk worden geveild, een chronometer. Zijnde inmiddels uit de hand te koop, en te bevragen bij de makelaars.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 6 maart. Het Belgische fregatschip HENRY JOSEPH (opm: bark HENRI JOSEPH), kapt. Désiré van der Steene, van Callao naar Aberdeen, is bij Lowestoff gestrand.
Het van Antwerpen naar Valparaiso bestemde Belgische schip (opm: bark) MERCATOR, kapt. C.J. Dievoort, is lek te Rio Janeiro binnengelopen.


09 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Het schip ANNA, kapt. van Dau (opm: buitenlander), van Hamburg naar Yarmouth, is, volgens brief van Oostmahorn van de 6e februari, nadat door de kapitein de assistentie van de loodsboot No. 2 geweigerd was, in het Friesche Gat in zinkende staat op strand gezet en verbrijzeld, en de gehele equipage, met uitzondering van de matroos Richman, daarbij omgekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 8 februari. Het schip JANTINA, kapt. Ten Cate, is heden van Newcastle met schade alhier gearriveerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Het schip ANNA, kapt. Van Dau (opm: buitenlander), van Hamburg naar Yarmouth, is, volgens brief van Oostmahorn van de 6e februari, nadat door de kapitein de assistentie van de loodsboot No. 2 geweigerd was, in het Friesche Gat in zinkende staat op strand gezet en verbrijzeld, en de gehele equipage, met uitzondering van de matroos Richman, daarbij omgekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 6 februari. De brik ASIA, van Bahia naar Queenstown, is op de hoogte van de Wester-Eilanden (opm: Azoren) in zinkende staat door de equipage verlaten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 6 februari. De Nederlandse bark SURINAME, kapt. Rijntjes, van Suriname naar Amsterdam, is alhier lek, met verlies van kluiverboom, boten, kombuis, verschansing en meer andere schade binnengelopen en komt in de haven om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Waterford, 4 februari. De Nederlandse schoener JOSINA LOUISA, kapt. Bakker, van St. Domingo naar Liverpool, is alhier met verlies van grote boom en schade aan de zeilen binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 31 januari. Het alhier lek binnengelopen Nederlandse schip HESTER ADRIANA, kapt. Van Hees (opm: fregat, kapt. G. Strang van Hees), van Cardiff naar Hongkong moet, naar men verneemt, lossen om te repareren.


10 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 8 februari. Het schip (opm: galjoot) VLIEDORP, kapt. K.L. Enninga, van Amsterdam naar Liverpool, is met verlies van kluiverboom, gescheurde zeilen en meer andere schade uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 3 februari. Het schip ANNA, kapt. Berg, van Ardrossan naar Genua, is alhier lek, met verlies van zeilen en met schoon dek binnengelopen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 8 februari. De storm van ll. maandag heeft weder enige schepen doen vergaan. Men spreekt van vijf bij Texel en één op ’t Vlie. Zekere berichten ontbreken nog, maar voorbij onze haven drijft veel rondhout en planken. Ook zijn hier aangespoeld: een gebroken octantkist, talk, en waskaarsen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. C. Wiersma, notaris te Leeuwarden, zal op dinsdag de 14e februari 1860, des avond te 5 uur, in na te noemen logement, het Rood Hert genaamd, op de Wirdumerdijk te Leeuwarden, provisioneel verkopen:
-1: Het logement het Rood Hert genaamd.
-2 t/m 7: Nette en hechte Huizingen.
-8: Een achttiende gedeelte in het Trekveerschip van Leeuwarden op Dokkum vice versa: benevens gelijk aandeel in vijf schepen, de paarden, hooi, haver en verder aanbehoren, met den kwotele voor- en nadelige staat de Compagnie beurs. Laatstelijk bij nu wijlen J. Wesbonk in eigen gebruik geweest. [In LC 240260 is geboden NLG 911]
-9: Een kerkstoel.
Perceel 8 is 8 dagen na de finale toewijzing te aanvaarden.
(opm: percelen 1 t/m 7 en 9 ingekort; LC 240260 meldt dat op kavel 8 is geboden NLG 911)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. L. Harmenzon, deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdag 23 februari 1860, namiddags 4 uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, tegen gerede betaling, provisioneel verkopen: een hecht overdekt Schuite- Scheepje, de JONGE JANNEKE genaamd, groot 14 tonnen, met mast, touwwerk en verder aanbehoren, uitgehaald in 1857; liggende op gemelde verkoopdag ter bezichtiging vóór het Schippershuis.
(opm: LC 200360 meldt dat op 15 maart NLG 434 was geboden)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een overdekt beurtschip met zeil en treil, groot 12 tonnen.
Te bevragen bij Johs. A. Verhoeff te Delfstrahuizen.


11 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 februari. Te Nieuwendam is gisteren van de werf van de heren W. & A.H. Meursing met goed gevolg te water gelaten het schoenerschip HOOITE WICHGER, groot circa 120 lasten, zullende gevoerd worden door kapt. H.J. Klasen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoet, 10 februari. Het stoomschip ARY SCHEFFER, heden van hier naar Havre vertrokken, heeft bij Stellendam aan de grond gezeten, doch is later vlot gekomen en opgestoomd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 10 februari. De Belgische vissloep PRINCE PHILIPPE, schipper kapt. Caven, is bij Goeree gestrand. De equipage is gered en te Goeree geland.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 10 februari. Tussen de Maas en Goeree bevindt zich een masteloos brikschip op sleeptouw van twee vissloepen. Morgen vertrekt de sleepboot van hier ter assistentie derwaarts.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 februari. De bij Den Helder gestrande Franse schoener CÉLESTINE is in publieke veiling verkocht voor circa NLG 600. Dit schip zit, ten gevolge van de jongste storm, zeer hoog tegen het duin.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 8 februari. Het j.l. vrijdag van hier naar Tonsberg bestemde kofschip HENDRIK, kapt. J. Burghout, is hier heden met verlies van anker, ketting en gebroken spil geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 7 februari. Het alhier van Suriname gearriveerde Nederlandse schip (opm: brik) MACHTILDA BARBARA, kapt. D. Kat, is lek en heeft zeilen verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 6 februari. Het Nederlandse schip (opm: kof) ALBERDINA, kapt. Wortel (opm: waarschijnlijk J.J. Wortel), van Newcastle naar Leer, is op het Rif van Borkum verongelukt.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 9 februari. Aan de zuidkust van Schouwen is aangespoeld een eikenhouten plank van de spiegel van een schip, waarop de woorden: PALLAS-New Castle en mandjes, geheel vernietigd, waaraan zich blikjes bevonden, waarop de letters E Y MARY.


Krant:

  JB - Javabode

Het schip STAADSRAAD BAUD is met inbegrip van de inventaris in veiling voor NLG 9.000 verkocht.


12 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 6 februari. De bemanning van het op het rif van Borkum gestrande Nederlandse schip ALBERDINA, kapt. Wortel – zie NRC van gisteren – is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Camaret, 7 februari. Men is steeds ijverig bezig om wat er van het wrak van het gestrande Nederlands schip MARIA ELISABETH MARGARETHA, nog te redden is, te bergen. De verkoop was tegen 13 dezer geannonceerd, maar schijnt uitgesteld te zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bude, 9 februari. Alhier is aangespoeld een gedeelte van de achtersteven van een schip, gemerkt EENDRAGT, benevens verscheidene wrakstukken, ogenschijnlijk nog niet lang in het water geweest zijnde.


13 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Staats-Courant behelst de volgende vergelijkende staat van de Nederlandse
Koopvaardijvloot op 31 december 1858 en 31 december 1859:
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Soort der schepen Aanwezig op 31 dec. 1858 Verongelukt, gesloopt enz, Verschil in de meting der Nieuw gebouwde Schepen die na afschrijving in Totaal der op 31 dec. 1859
blijkens de in 1859 ingekomen schepen die in 1859 hermeten schepen die in 1859 zeebrieven 1859 weder in de vaart zijn Aanwezige schepen
berichten zijn bekomen hebben gekomen

Minder meer
Schepen Lasten Schepen Lasten Lasten Lasten Schepen Lasten Schepen Lasten Schepen Lasten

Clipperschepen 4 1567 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 4 1567
Fregatten 161 64432 9 3814 ,, 7 4 1599 ,, ,, 156 62224
Barken 423 124955 23 5985 ,, 2 9 2953 ,, ,, 409 121925
Brikken 138 16715 8 856 1 ,, 10 973 ,, ,, 140 16828
Schoeners 337 28060 19 1612 ,, ,, 27 2211 ,, ,, 345 28659
Brigantijnen en Barkentijnen 2 208 ,, ,, ,, ,, 1 98 ,, ,, 3 306
Galjoten en galjassen 278 17119 11 581 ,, 1 29 1850 ,, ,, 296 18389
Koffen 641 38386 46 2274 ,, 4 6 207 ,, ,, 601 36323
Tjalken 266 8005 20 587 ,, ,, 15 492 2 50 263 7960
Smakken 29 984 4 128 ,, ,, 2 65 ,, ,, 27 921
Gaffel- en kaagschepen 1 54 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 1 54
Kotter-, sloep- en jacht- dito 5 164 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 5 164
Paveljoen- en pleit- dito 1 48 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 1 48
Praam-, ever- en rinkelaar- dito 3 60 1 24 ,, ,, ,, ,, 1 29 3 65
Schokker- dito 1 17 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 1 17
Hoeker- dito 30 1675 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 30 1675
Bun- dito 13 399 ,, ,, ,, ,, 2 60 ,, ,, 15 459
Bom- en pink- dito 61 874 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 61 874
Vis-snikken 3 74 ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, 3 47
Stoomboten 41 6884 ,, ,, ,, 4 1 282 ,, ,, 42 7170
Totaal 2438 310653 141 15861 1 18 106 10787 3 79 2406 305675



Een van de in kolom 7 opgenomen stoomboten, groot 147 lasten, als barkschip vertimmerd zijnde, zal voortaan onder de barkschepen opgenomen worden. In verband met vroegere ophelderingen omtrent de samenstelling van de opgaven wegens de Nederlandse koopvaardijvloot, valt ten opzichte van kolom 3 aan te merken, dat onder de daarin opgenomen 141 schepen er een aantal zijn waarvan de in 1855 verleende zeebrieven niet zijn terugontvangen of vernieuwd geworden en waaromtrent bij een opzettelijk onderzoek gebleken is, dat derzelve schepen reeds vroeger afgeschreven hadden kunnen worden, indien door de betrokken reders, boekhouders of schippers het bericht wegens het verongelukken, slopen enz. ware ingezonden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 10 februari. Heden is alhier met verlies van boten, verschansingen, enz., binnengelopen de Nederlandse schoener MINA, kapt. M. Nieuwstraten, van Rotterdam naar Havana bestemd.


14 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 25 schepen, als:
voor Rotterdam, WILHELMINA, kapt. J.H. Blekkingh; ABEL TASMAN, kapt. J.R. Rijken; JACOB, kapt. J.F.C. Börger; PRESIDENT PLATE, kapt. J.C. Harten; JOHANNA CHRISTINA, kapt. J.R. de Boer; KINDERDIJK, kapt. D. Zwanenburg; ZES GEZUSTERS, kapt. R. Rutgers; D.T. VISSER, kapt. W. van der Linden; GRAAFSTROOM, kapt. G.H. Ruhaak; HEBE, kapt. A.H. Kiehl; WHAMPOA, kapt. Butner.
Voor Amsterdam: PRINSES AMELIE, kapt. W. Groeneveld; STRAAT BALY, kapt. J.C. Scholl; SCHOON VERBOND, kapt. B.H. Borchers (opm: D. Doornbos Borchers); JULIE CLAIRE, kapt. A. van Oosteroom; MARTHA EN JACOBA, kapt. E. de Vries; HERCULES, kapt. J. Schout; MEDEA, kapt. J. Lourens (van Rotterdam); BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL, kapt. A. Hoogenstraten (van dito); WILLEM I, kapt. J.F. Niedfeld (van Schiedam); SOOLO, kapt. R.C. van der Meulen (van dito).
Voor Schiedam: ST. JAN, kapt. P. Lommerse; BANTAM, kapt. B.G. van der Bolck; MERCATOR, kapt. H. van der Woude, PATRIARCH SAMHIRI, kapt. G.G. Lion.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt en gewegerd Tjalkschip, de VROUW RINSKE genaamd, geijkt op 60 tonnen, met zeil en treil, ankers en touwen, haken en bomen en complete inventaris: in eigendom behorende aan Bouwe Jans Zeilstra en thans liggende aan de Heerenwal bij Heerenveen. Gegadigden worden verzocht zich vóór de 28e dezer aan te melden bij de eigenaar of de notaris Binnerts te Heerenveen.
(opm: LC 160360 rapporteert dat is geboden NLG 1.136)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee scheepstimmerknechten, hun werk verstaande, kunnen vast werk bekomen bij D.J. de Boer, scheepsbouwmeester te Bolsward, bij wie te koop is: een zeer sterk Beurtschip, groot 29 ton, geschikt tot alle gebruik, zeer goedkoop.


15 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 14 februari. De kof HEILINA, gisteren gemeld, zit geheel onder water in de mond van de Kanaalhaven. De schepen kunnen echter nog passeren. (opm: zie NRC 010360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 10 februari. Heden nacht is op de Hinder verongelukt de Belgische vissloep PRINCE PHILIPPE, gezagvoerder Camoen, te huis behorende te Oostende. De bemanning, bestaande uit zes personen, heeft zich met een kleine sloep met levensgevaar gered en is behouden alhier op strand gekomen. Na hun aankomst zijn door de heer H.P. van Kerkwijk, burgemeester en strandvonder alhier, terstond de nodige maatregelen genomen om alles van het schip te redden, wat mogelijk was. Genoemde heer heeft tevens de bemanning met de meeste welwillendheid van klederen en huisvesting voorzien en hun tevens de nodige gelden gegeven om naar Oostende weder te keren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, zijn van mening, als last hebbende van hun meesters, op dinsdag de 6e maart 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, no. 499, publiek te veilen het in het jaar 1857 nieuw gebouwd snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip CORNELIS ANTONIE, laatst gevoerd geweest door kapt. D.R. Kleve, volgens meetbrief lang 39 el 50 duim, wijd 6 el 90 duim, hol 5 el 32 duim, en alzo groot 644 tonnen of 340 lasten met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. De chronometer en kaarten worden afzonderlijk geveild.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 11 februari. Binnengekomen de 9e dezer de stoomboot STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.
Vertrokken de 11e dito de stoomboot STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie op maandag 20 februari 1860, voor het commissiehuis van Abeelen, Dennison & Co, ten elf ure voor rekening des boedels van wijlen Lie Tjoeliong, c.s, het Nederlands Indisch brikschip OCEAN, kapt. Giam Liang Soey, met deszelfs inventaris, rondhouten, zeilen, staand- en lopend want, ankers, kettingen, enz. enz, zo als hetzelve ter rede van Batavia is liggende.


16 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Camaret, 9 februari. Men schrijft ons uit Camaret de dato 9 februari het volgende:
Het lijk van kapt. Bauditz, gevoerd hebbende het alhier verongelukte Nederlandse schip MARIA ELISABETH MARGARETHA, is eergisteren op het wrak gevonden en dezelfde dag met hetzelfde ceremonieel als waarmee men zijn zeven ongelukkige lotgenoten gegraven heeft, ter aarde besteld. De eerste stuurman, Latour, die de lijkstoet mede begeleidde, nam, op de begraafplaats gekomen zijnde, het woord en richtte in de Franse taal, die hij vloeiend spreekt, enige woorden van afscheid en hulde aan de afgestorvene en zich daarna tot de omstanders wendende, bedankte hij hen op gevoelvolle toon en in naam van al zijn landgenoten, voor al het goede dat zij met zelfopoffering aan de arme schipbreukelingen hadden bewezen. Deze geïmproviseerde rede maakte een zeer diepe indruk op de aanwezigen en allen waren zichtbaar getroffen door de dankbetuigingen die hun op een zo nederige en krachtige wijze werden toegebracht door deze jonge zeeman, die zich gedurende zijn verblijf alhier een ieders sympathie heeft weten te verwerven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 12 februari. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip MINA, kapt. Hoff (opm: zie NRC 280121), van Liverpool naar San Sebastian, is afgekeurd, aangezien de kosten van reparatie, GBP 1.100, te hoog geschat worden.


17 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. Volgens particulier bericht in dato 29 januari l.l, was het barkschip ADMIRAAL DE WINTER, gevoerd geweest door kapt. Hoek (opm: Nathan François Hoek), met troepen van Rotterdam naar Batavia, op 39º N.B. en 13º34' W.L, in goede staat zeilende. De kapitein was enige dagen vroeger (opm: 22 januari) aan een bezetting op de borst overleden. Overigens was alles wel boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 februari. Volgens brief van kapt. Retgers, voerende het fregatschip BAREND WILLEM, van hier naar St. George d'Elmina en Batavia, in dato 1 januari l.l, was hij op de 25e van de vorige maand ter rede van St. George d'Elmina gearriveerd. Na een transport van 80 Afrikaanse rekruten te hebben ingenomen, dacht de kapitein de reis naar Batavia te vervolgen op de 3e januari. Passagiers en equipage bevonden zich in goede welstand en het schip in de beste staat.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 12 februari. Het wrak van het schip THEODORA HENRIETTE, kapt. J.J. de Vries, van Newcastle naar Amsterdam, bij Borkum gestrand (opm: zie NRC 170259), is met de inhebbende lading voor 10 Rksd (opm: rijksdaalders) verkocht.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. In het faillissement van Binnert Spoelstra, in der tijd scheepstimmerman te Nijehaske, is, bij vonnis van de Arrondissements Rechtbank te Heerenveen, d.d. 14 februari 1860, ten gevolge der benoeming van Mr. J.C. Bergsma, tot lid der Rechtbank, in diers plaats als curator aangesteld Mr. Philippus van Blom, procureur te Nijehaske, bij Heerenveen.
De curator voornoemd,
Mr. Ph. van Blom


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, door verandering van affaire: het één tweede gedeelte van het geoctrooieerde Veer van Bakkeveen, Ureterp en Haulerwijk. Nadere informatie bij de eigenaar K.J. van der Veen te Bakkeveen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Mann zal, ten verzoeke van de heer Verwer, na verkregen rechterlijke machtiging, maandag 27 februari 1860, namiddags 2 ure, in de Prins te Makkum, provisioneel verkopen:
-1: Een hechte Huizinge. (opm: ingekort)
-2: De gerechte helft in het geoctrooieerde Veer en Schip van Makkum op Harlingen et vice versa, met deszelfs volledige inventaris. Dadelijk te aanvaarden.


18 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Aan kapt. Walland, van Emden, die dezer dagen met levensgevaar gered heeft de bemanning van het Nederlandse schip ALBERDINA, kapt. Wortel, van Newcastle naar Leer, dat op de Meeuwenstaart gestrand was, is de gouden medaille voor het redden van drenkelingen in Hanover verleend. (opm: zie NRC 110260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, zijn van mening als lasthebbende van hun meester, op dinsdag de 6e maart 1860, des middags ten twaalf en een kwart ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1 no. 499, publiek te veilen: het extra snelzeilende gekoperd en kopervast Barkschip SALATIGA, gevoerd door kapt. J.N. Besier, volgens meetbrief lang 32 el 30 duim, wijd 6 el 16 duim, hol 4 el 67 duim, en alzo groot 413 tonnen of 218 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Zalmhaven te Rotterdam. Voorts zal nog afzonderlijk worden geveild een chronometer.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Middelburg, 12 februari. Gisteren is alhier met een stoomsleepboot aangebracht het op de werf van de heer Pot te Slikkerveer voor rekening van de stad gebouwd stoombaggervaartuig. Men denkt alsnu spoedig over te gaan tot het plaatsen van de stoommachine, vervaardigd in de fabriek van de Wed. Sterkman & Zoon te ’s Gravenhage, ten einde daarna met het gunstig seizoen te beginnen aan de uitbaggering op grotere schaal van het havenkanaal, welks leidijken in het afgelopen jaar reeds een belangrijke herstelling hebben ondergaan, teneinde het tot zijn vorige diepte terug te brengen.


19 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 18 februari. Het Nederlandse stoomschip BORDEAUX, kapt. J.N.R.J. Bijl, van Bordeaux naar Rotterdam, is alhier wegens voortdurend slecht weder en hevige tegenwind binnengelopen om steenkolen in te nemen. Alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Livorno, 5 februari. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) GRUNUS, kapt. H. Hesse, van hier naar Londen vertrokken, is heden wegens slecht weder en enige schade geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 8 december 1859. Het Nederlands schip (opm: bark) AGATHA EN MARIA, kapt. W.B. van Zijp, van hier naar Amsterdam, dat, als vroeger gemeld, op Duiveneiland aan de grond geraakt is, is vlot gebracht en hier ter rede lek geretourneerd. Naar men zegt is een gedeelte van de lading over boord moeten geworpen worden om het schip te lichten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 6 januari. De Engels bark ROYAL LILY, kapt. Scott, van Sarawak en Singapore naar Londen bestemd, is op de noord-oostkust van het eiland Bintang gestrand en verloren gegaan. Wrak en lading zijn voor $ 945 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 december 1859. De stemming voor vrachten is ietwat vaster te noemen, zoals uit de onderstaande noteringen blijken zal. Voor China was veel vraag voor scheepsruimte ten gevolge van de ongunstige rijst-berichten van daar. De vrachten naar Hongkong stegen in 14 dagen van 25 op 40 $ cents per picol rijst.
De volgende Nederlandse schepen hebben emplooi gevonden: JAN VAN BRAKEL, te Soerabaja opgenomen à 30 $ centen voor rijst naar Hongkong, 40 naar Amoy, 50 naar Funchau, of 55 naar Shanghai. KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB NLG 55 à NLG 60 per last voor suiker, NLG 52,50 voor koffij en NLG 50 voor rijst. PAUL JOHAN door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 60 voor suiker en NLG 50 voor thee, alhier te Pekalongan en Tagal te laden. SMAALLWOOD (Nederlands-Indisch schip) GBP 1.10/- per ton voor suiker naar Melbourne. GRAAF VAN HEIDEN REINESTEIN, NLG 62,50 voor suiker te Indramaijo en Tagal, NLG 50 voor rijst alhier en NLG 55 voor koffij te Samarang. De HUGO GROTIUS is in lading naar Rotterdam.
De LEONTINE (Bremen), HERSCHEL (Hamburg) en SHANDON (Engelse stomer) zijn te koop.
De volgende Nederlandse schepen zijn nog disponibel: SUMATRA, DE AMSTEL, JAN PIETERSZOON KOEN, JOHANNES LODEWIJK, DILIGENTIA, PRINSES AMELIE, GRAAF DIRK III, BARON FORSTNER VAN DAMBENOY en EENSGEZINDHEID.
De HENRIETTE, WELVAART, IJSSEL, DERKINA TITIA, HELMERS en DRIE GEBROEDERS doen kustreizen.


20 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 februari. In ons nommer van 28 januari deelden wij een verhaal mede van een afschuwelijke mishandeling, die, zoals gezegd werd, voorgevallen was aan boord van het Nederlands schoenerschip MARIA. Aangaande deze zaak leest men thans in de Provinciale Groninger Courant het volgende:
Op verzoek van de heer officier van Justitie te Groningen, hebben wij die ambtenaar de bron opgegeven, waaruit wij dat bericht hebben geput. Wij ontvangen thans van genoemde officier de mededeling, dat zijne edelachtbare aanvankelijk grond had om te veronderstellen, dat zijn tussenkomst in deze zaak zou kunnen gevorderd worden en daarom getracht heeft zich zekerheid nopens het bewuste bericht te verschaffen. Het daartoe in het werk gestelde onderzoek bij verschillende buitenlandse autoriteiten, heeft geleid tot de volgende ontdekking: vooreerst, dat onze correspondent zich heeft doen leiden door een opgaaf, voorkomende in het Norder Stadtblatt, dat deze courant heeft geput uit de Hannoversche Volks Zeitung en Verdener Wochenblatt, deze weer zijn mededeling had overgenomen uit de Hamburger Correspondent, terwijl dit blad heeft gevolgd een bericht voorkomende in het Londense avondblad The Sun. Ten tweede, dat die primitieve opgaaf kennelijk in strijd was met de waarheid, daar, indien de beschrijving van het voorgevallene op de schoener MARIA al enigermate geloof moge verdienen, dit schip geen deel uitmaakt van de Nederlandse koopvaardijvloot, maar in Denemarken thuis behoort en ten laatste, dat het koninklijk Deens landgericht te Tinneberg dan ook een instructie in de bewuste zaak heeft aangevangen. Tot ons genoegen is hierdoor aan de wens, aan het slot van het evengenoemde bericht uitgesproken, dat het om de eer van onze handelsvloot wenselijk zou zijn, dat het bericht mocht worden tegengesproken, door de lofwaardige ijver van meergenoemde officier van Justitie, de heer Schiffer, ten volle voldaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 februari. Het schip E.W. VAN DAM VAN ISSELT, kapt. Kolm, te Soerabaija lek geworden, was volgens brief van de 13e december gereed om de volgende dag herwaarts te vertrekken.


21 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden stukken. De stranding van het barkschip FERDINANDINA EMMA. Onder de menigvuldige rampen waarmee onze koopvaardijvloot in de laatste tijd als het ware is overstelpt geworden, zijn er zeker weinige, die zich door zulke grievende omstandigheden hebben gekenmerkt, als de stranding van het Nederlandse barkschip FERDINANDINA EMMA, kapt. R.A. Tange (opm: zie o.a. NRC 291159). Deze uitmuntende bodem op Java met een rijke lading producten voor Amsterdam beladen en behorende aan het aldaar gevestigde handelshuis James Barge, strandde in de nacht van de 27e op de 28e november l.l. in de nabijheid van Egmond. Ruim twee maanden zijn verlopen sedert deze ramp, die het verlies van acht mensen ten gevolge had en aan belanghebbenden een aanmerkelijk verlies berokkende, voorviel, en nog geen de minste uitslag van enig onderzoek waaraan deze ramp is toe te schrijven is aan belanghebbenden bekend gemaakt. De schrijver van dit artikel komt het voor, dat in de tegenwoordige tijd, die vooral gekenmerkt door de vele zeerampen, welke onmisbaar ten gevolge hebben dat zo menig gezagvoerder zonder middel van bestaan geraakt en bovendien aan reders en assuradeurs grote verliezen berokkenen, het van overwegend gewicht is, dat men zich aan zulke voorvallen meer laat gelegen liggen en een onderzoek naar derzelver ware oorzaak instelt, opdat deze ter kennisse van het algemeen kome en zo mogelijk bijdrage en tot waarschuwing diene om die rampen meer te voorkomen. Bij de Koninklijke Nederlandse Marine zien wij toch, dat wanneer aan enig oorlogsvaartuig een ramp overkomt, de gezagvoerder van die bodem zich moet verantwoorden voor een raad van onderzoek, geheel samengesteld uit zee-officieren en dat de meeste gestrengheid, de grootste onpartijdigheid daarbij in acht wordt genomen; wanneer echter een koopvaardijschip strandt of schipbreuk lijdt, dan loopt de gehele verantwoording van de gezagvoerder in de meeste gevallen af met een verklaring door hem en de hem ondergeschikte schepelingen over de plaats van stranding afgelegd en meermalen toch heeft de ondervinding geleerd, hoedanig men zich op zulk een verklaring kan verlaten. Het zou daarom wellicht wenselijk zijn, zo voor de families en voor de belangen die hieronder lijden, als voor het algemene nut, deze treurige gebeurtenis nader te zien toegelicht. Er blijft dan nog maar de vraag over, welke middelen tot bereiking van dit doel moeten worden aangegrepen; immers de omstandigheden onder welke deze ontzettende ramp voorviel en de verschillende opinies, waartoe dezelve aanleiding gaf, maken, naar de bescheiden mening van de schrijver van dit artikel, een nadere opheldering zo voor de reputatie van de gezagvoerder, als voor het algemeen belang dringend noodzakelijk. Van algemene bekendheid is het immers dat het schip FERDINANDINA EMMA strandde bij een heldere nacht op circa 1½ mijl distantie van de vuurtoren van Egmond, met de wind in het N.N.W, en baart het geen verwondering dat met een bijgedraaid schip en de vuren van Egmond en Kijkduin in het gezicht, bij schoon weer en ruime gelegenheid om van het dieplood gebruik te maken, men een schip zo dicht tegen de wal laat aandrijven? Niettegenstaande de gezagvoerder, zoals de geruchten lopen, herhaaldelijk door de stuurlieden voor die aannadering is gewaarschuwd geworden. Onder deze omstandigheden, zo algemeen bekend, blijft de wens over dat naar deze zaak door deskundigen een onderzoek in het werk worde gesteld en men de middelen aangrijpe, welke daartoe ten dienste staan; de raad van tucht op koopvaardij-schepen, waarvoor een gezagvoerder door zijn reders, schepelingen en passagiers kan gedaagd worden, zou wellicht daartoe het beste middel zijn. Zodoende zal de kapt. R.A. Tange in de gelegenheid gesteld worden zich te verantwoorden, voldoende om de verdenking weg te nemen, die bij verschillende geïnteresseerden op hem kleeft, dat het ongeluk aan de FERDINANDINA EMMA overkomen, hem te wijten is.
getekend: P.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Constantinopel (opm: Istanbul) en Odessa, via Lissabon, Gibraltar, Malta, Syra en Smyrna (opm: Izmir), ligt te Antwerpen in lading het prachtige stoomschip MARIE DE BRABANT, kapt. J.F. van Diependael, vertrek de 1e maart. Informatiën te bekomen bij de heer L. Hautermann, directeur, Antwerpen, of bij Verwey en Co, Rotterdam. (opm: eerste reis)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 20 februari. Heden is op de Ooster gestrand de Franse schoener ANNE ALEXANDRE, kapt. Moyon, van Newcastle naar Livorno bestemd; vijf man van de equipage zijn met levensgevaar gered door de loods-afhaler en de binnenloodsen van Brouwershaven. De echtgenote van de gezagvoerder en een man van de equipage hebben bij die stranding het leven verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Hellevoetsluis op woensdag de 22e februari 1860, des middags ten 12 ure, ten huize van de kastelein A. van den Berg te Hellevoetsluis, ten overstaan van de te Hellevoetsluis gevestigde notaris H.K. Vlielander, tegen contante betaling, van het wrak van het kofschip HEILINA, zittende onder water in de mond van de Kanaalhaven, en de zich daarin bevindende lading, bestaande uit bruinsteen, benevens de geborgen inventaris van genoemd wrak. Nadere informatiën zijn te bekomen bij de heer Gallas te Hellevoetsluis en ten kantore van voornoemde notaris. (opm: zie NRC 010360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 19 december 1859. Het schip AGATHA EN MARIA, kapt. Van Zijp, van hier naar Amsterdam, met schade uit zee teruggekomen – zie NRC van 19 februari – heeft de lading gelost en moet kielen. De kapitein is ziek en ligt in het hospitaal.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hechte en best onderhouden overdekte praam, groot 13 tonnen, met beste inventaris, zodanig dezelve thans is liggende te Sloten en te bevragen bij de eigenaar W.J. Vermoten aldaar.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een bejaard schip, groot 16 ton, met zeil en treil, bij J. Klos te Idskenhuizen.


22 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 16 februari. Het schip MARIA, kapt. v.d. Wijk (opm: Van der Wijk), van Nessmerzijl (opm: Neßmersiel) met tarwe naar Emden bestemd, is zondag bij Greetzijl (opm: Greetsiel) aan de grond geraakt, doch met assistentie van een stoomboot vlot en hier in de haven gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 16 februari. Het op heden alhier van Rotterdam gearriveerde Nederlandse schip VEENDAM, kapt. Hazewinkel, heeft tengevolge van slecht weder schade aan de zeilen bekomen. De 10e dezer heeft kapt. Hazewinkel bij het eiland Longa gepraaid de Nederlandse schoener ANTONIUS, kapt. De Vries, van Newcastle op hier bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 17 februari. De alhier gearriveerde Nederlandse brik ANNA MARIA, kapt. Seegers, is gisteren in aanzeiling geweest met de Oostenrijkse brik CELÈRE. Beide schepen bekwamen daarbij schade.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Boelen, makelaar, zal op maandag de 27e februari 1860, des avonds ten zes ure te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ verkopen: het extra-ordinair snelvarend rader-stoomschip, genaamd FLEVO. Volgens binnenlandse meetbrief lang 47 ellen 40 duimen, wijd 3 ellen 62 duimen, hol 2 ellen 9 duimen, en alzo gemeten op 123 tonnen, na aftrek van de machinekamer. Zijnde voorzien van twee machines van 60 paardekracht, vervaardigd in de fabriek van de heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel. Het voorzegd stoomschip is thans tijdelijk in de vaart tussen Amsterdam en Zaandam, vice versa en is te bezichtigen aan de Nieuwe Stads-Herberg. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Volgens particulier bericht is het barkschip HAAMSTEDE, kapt. H.H. de Boer, op 13 februari j.l. met een gunstige gelegenheid van Cardiff vertrokken naar Singapore.
Het schip GRONDWET, kapt. T.C. Kamminga, was op 19 december 1859 gereed om van Soerabaija naar Bezoeki en Panaroekan te verzeilen, ter completering van zijn lading voor Middelburg.
De 10e december is te Batavia aangekomen STAD ZIERIKZEE, kapt. Klein, van Singapore.
De 15e februari is te Plymouth binnengelopen DRIE VRIENDEN, kapt. L.P. Anderson, van Batavia naar Rotterdam.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 20 februari. Binnengekomen: HONIGBIJ, kapt. J. v.d. Valk, van Batavia naar Rotterdam.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 20 februari. Heden morgen is aan de binnenzijde van de Ooster gestrand de Franse schoener ANNA ALEXANDRE, kapt. Moyan, komende van Newcastle, bestemd naar Livorno, geladen met cokes, ijzer, kettingen, lood, olie, enz. Onmiddellijk is adsistentie derwaarts gezonden, ten einde de equipage, welke zich in het want had vastgeklemd, te redden en heeft dan ook schipper R. Edelenbos, loodsafhaler alhier, met deszelfs schokker, bemand met de binnenloodsen J. Meerman, W. Vermeulen, J.N. de Neef, J. de Korte, J. Adams, J. Edelenbos, M. Braam en onderhorigen, het onuitsprekelijke genoegen mogen genieten, 5 dezer schipbreukelingen, waaronder de kapitein, na veel inspanning en gevaar van hun eigen leven te mogen redden. De kapiteinsvrouw en één jongen hebben bij deze schipbreuk het leven verloren.


23 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Te Vlissingen ontdekte men j.l. zondag eensklaps dat het fraai gebouwde stoomfregat ZEELAND, onlangs eerst van een voortreffelijke stoommachine voorzien, bezig was met langzaam te zinken. Alles was in de weer, ruim 1-5 ellen (opm: meter) water was reeds in het schip gedrongen; bij laag water gelukte het echter door aanhoudend pompen het water te verdrijven en door doeltreffende pogingen is men de ramp voorgekomen. Men weet niet met juistheid waaraan dit toeval te wijten is, maar deskundigen zeggen, dat het alles behalve voordelig voor de fraaie machine en zeer nadelig voor de kruitkamer is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 18 februari. De schoener REBEKKA, kapt. Kruse (opm: buitenlander), van Engeland naar Korsoer, is in zinkende staat in de Noordzee verlaten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping te Rotterdam in het laatst van maart, dag en uur nader te bepalen, van het gekoperd en kopervast Nederlands barkschip WILHELMINA CATHARINA, laatst gevoerd door kapt. N.M. Oudshoorn de Groot Stiffrij, groot 735 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschappen, liggende zoals nader zal worden aangewezen.
Nadere informaties bij de makelaars Montauban van Swijndregt en Van Dam.


24 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 22 februari. Deze morgen, omstreeks 10 ure, verliet de Groenlandsvaarder DIRKJE ADAMA onze haven onder commando van H. Wilst. De bemanning bedraagt ruim 50 man. Gelukkig slage men dit jaar en kere rijk beladen in welstand terug, opdat deze voor onze stad zo belangrijke tak van nijverheid moge bloeien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 februari. Volgens brief van kapt. N. van der Werff voerende het fregatschip DE STAD DOCKUM, in dienst bij de tweede Bonische expeditie als proviandschip, had het de 13e november l.l. op een onbekend koraalrif gestoten en daardoor enige lekkage bekomen. De kapitein zou, na bekomen ontslag, een nader onderzoek van de schade instellen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 21 februari. Het schip GRONDWET, kapt. Kamminga, was de 19e december gereed om van Soerabaija naar Bezoekie en Panaroekan te verzeilen, ter completering van zijn lading voor Middelburg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het werkje, getiteld: Neêrlands Vloot en Reederijen, opgemaakt door H. Sweys, kapitein-expert van Veritas, ontlenen wij de volgende Staat van de uit de vaart geraakte schepen, in het jaar 1859:
soort scheepsnamen kapiteins grootte/last Gebd. Aanmerkingen Zeetijding NRC

Bark ADOLF VAN NASSAU T. Meester 217 1839 Afgekeurd op Java 30-01-59
brik ADRIAAN GEORG W.H. Bontekoe 92 1857 Amerikaanse kust verbrijzeld. 30-11-59
Sch AFINA VAN LINGE P.J. Maathuis 66 1855 In Liverpool verkocht 09-09-59
brik ALIDA IKINA J.J. Scholten 109 1858 Gestrand en vermoedelijk wrak 17-12-59
Bark AMBOINA W.H. Rusman 382 1840 afgekeurd te Batavia 17-03-59
kof ANNA P.S. Brouwer 76 1847 Totaal weg in de Golf van Finland (opm: november 1859)
kof ANNA ELISABETH J.G. Leffers 75 1830 Gestrand en wrak 07-04-59
Bark ANNA PAULOWNA W. Bek Wzn. 325 1839 Afgekeurd op Java doch nog op de kust varend onder andere naam 27-02-59
kof ANNA SIBERDINA Pietersen ( ex Ugen) 42 1831 Gestrand en weg 30-08-59
Kf 1 m ANNA SOPHIA G.L. Visser 30 1836 Gestrand 17-03-59
kof ANNEGINA A.J. Schuring 52 1849 Overzeild 01-11-59
kof ANNEGINA ELSINA R.J. Kuiper 68 1840 Noorse kust verongelukt
kof ANTJE R.J. Schuring 59 1829 Gestrand bij Dublin, weg 02-05-59
Sch ANTJE HAVERBULT J. van Heuvelen 83 1857 Gezonken bij Lissabon
23 dec. 1859 06-01-59
kof ANTONIA FRANCISCA J.L. Jansen 42 1842 Vermist 29-01-59
Bark ANTOINETTE J.M. de Winter 359 1853 Gestrand en verbrijzeld, Brazilië 31-05-59
Bark ATLAS B. Bakker Gz. 394 1856 Gestrand en wrak, Agulhas 26-03-59
Bark AUSTRALIE T.J. Jansen 321 1847 Met man en muis gebleven op Shipwash. 10-05-59
Bark BIJENKORF T. Vogelensang 381 1835 Gesloopt 27-10-59
Bark CAROLINA SOPHIA Van der Beek Gezonken 16-12-59
Kof CATHARINA De Jonge ( ex Hillebrand) 55 1850 Gezonken 10-11-59
smak CATHARINA CORNELIA H. Marinus 39 1842 Gestrand en wrak. 18-11-59
Kof CERES H.J. Bossinga 52 1847 Gestrand en afgekeurd, Oostzee 05-01/04-59
Sch. COURIER H.R. Legger 69 1855 Gezonken 14-01-59
Kof DANKBAARHEID E.J. Kuiper 39 1846 Gestrand en wrak 23-11-59
Fregat DELFT L. van Geelkerken 417 1839 Verbrand op Java 28-04-59
S.Brik DIANA J.F.H. Pille 97 1847 Verbrijzeld, Brazilië 09-12-59
Kof DOROTHEA CHRISTINA H. van Weerden Poelman 45 1852 Gestrand bij Elseneur en wrak 25/28-12-59
Glj. DRIE GEBROEDERS E.P. Mooi 55 1852 Verongelukt in de Noordzee 29-06-59
Sch.kof DRIE GEBROEDERS SIKKENS K.C. Kamminga 56 1853 Gestrand op Gothland en wrak 29-08/19-09
Tjalk DRIE GEZUSTERS M. van der Meulen 36 1855 Gezonken 07-04-59
Sch. EEFKA MARIA J.F. Bart 57 1850 Vermist
Kof EENDRAGT (ex HERMINA) J.G. Holscher 61 1852 Gezonken, Midd. Zee, juli
Kof ELSIENA ANNETTA J. Vissinga 33 1841 Gezonken in de Noordzee, febr.
Bark EQUATOR J.G. Appel 326 1854 Verbrand bij Liverpool 24-03-59
Bark ERNST WILLEM (Oost-Indië) Paulino 350 onbek. Gestrand en wrak op Java 28-09-59
Kof ETTINA A.D. de Jonge 54 1838 Verkocht en waarschijnlijk gesloopt
Fregat EUROPA J.G. Tromp 610 1840 Gezonken 13-04-59
Fregat ELISABETH ANTHONIA J. Jansen 456 1837 Gesloopt
Bark FERDINANDINA EMMA R.A. Tange 398 1856 Gestrand bij Kamperduin en wrak 5/15-12-59
Bark FORMOSA A.C.F. Krul 268 1840 Buitenslands verkocht 1859 of 1858
kof FREDERIK HENDRIK H.A. Meijboom 33 1842 Man en muis gebleven 21-04-59
sch. FROUWINA Jan .G. Bakker 94 1856 Gezonken! weer opgebracht en in Frankrijk verkocht 17-06-59
kof GEERDINA A.E. Doewes 52 1846 Gestrand, Franse kust en wrak 07-12-59
Tjalk GEERTINA C.J. Meijer 32 1856 Totaal verongelukt in de Belt 17-10-59
sch. GEERTRUIDA JOHANNA P.G. Carst 87 1854 Vermist 31-05-59
kof GERRITA TETJE R.J. Kuiper 55 1851 Vermist
kof GEZINA J. Munnike 48 1844 Gestrand en wrak 16-01-59
Fregat GEZINA P. Burggraaf 329 1839 Gesloopt
kf.tjk. GEZINA W.W. Schortinghuis 34 1852 Gestrand bij Egmond en wrak 08-11-59
Smak GEZINA J.K. Pronk 32 1839 Buitenslands verkocht
Kof GEZINA ELSINA A.U. Deen 41 1851 Vermoedelijk totaal weg 28-04-59
sch.ijz. GEZINA PRONK O.W. Pronk (ex Walv.qq) 44 1857 Gestrand bij Skagen, wrak 10-11-59
sch. GRAAF ADOLF G.S. Prange 81 1855 Verongelukt in Amerika 05-09-59
Brik GRAAF VAN LIMBURG STIRUM Van Holdinga 135 1852 Vaart thans onder Belgische vlag als de RUIJTER.
Kof GRIETINA HILLECHINA R.J. Sprik 40 1847 Op de Haaks verbrijzeld 24-11-59
Glj. GRIETJE BOS F.A. Hoff 62 1856 Gestrand en wrak, Oostzee 01-12-59
kf 1 m HAVEN J.G. Koning 34 1855 Gestrand en ? 04-11-59
Kof HARMANNA Harm Eeftingh 49 1841 Gestrand en wrak 06-04-59
sch.kf HENDRIK KAREL J.H. Nieboer 44 1855 Verongelukt in 't Kattegat
Kof HENDRIKA E.H. Boswijk 60 1841 Gestrand 29-08-59
Kof HENDRIKA GEERTRUIDA H.C. Janknegt 49 1842 Gestrand Schiermonnikoog, wrak 06-12-59
Kof HENDRIKA JANTINA E.T. Leeuwe 52 1849 Gezonken bij Goudstaart (opm: Start Point) 14-09-59
sch. HENDRIKA MARGARETHA J.A. Spijkman 73 1854 In averij te Holyhead en aldaar verk. 05-05-59
kf 1 m HENDRIKA ZEPELDINA H.J. Kraan 31 1842 Vermist
Sch HENRIETTE ( W.I.) (firma) Gravenhorst 31 1856 Gestrand en ? 02-09-59
Sch HILLECHIEN HAVER A.F. Bakker 75 1858 Verloren bij Sulina 29-01-59
Kof HILLECHIEN ANNECHIENA D.O. De Vries 49 1857 Gestrand bij Sulina 19-09-59
Kof HOOP Bakker ( ex Pot) 37 1816 Gestrand en ? 15-08-59
Bark HOOP VAN CAPELLE R.J. Bok 304 1853 Gestr. S.Sunda en later gezonken 28-09-59
kf.tjk. HUNSINGO A. Oostema 31 1855 Verongelukt N. Zee in jan. 1859 (opm: 1.11.1858) 19-11-58
Smak IDA F.G.Lukje 37 1857 Gezonken, Noordzee 20-11-59
brk.gj JACOBUS ANTHONIE H.H.T. Mellema 158 1830 Wordt gesloopt
Tjalk JANTINA REINDINA P.G. van der Laan 37 1854 In Engeland verkocht
Bark JAVA PACKET L.A. Heijkoop 188 1839 Buitenslands verkocht
Bark JAVA'S WELVAREN G.E. Doornbos 248 1835 Afgekeurd te Mauritius 19-09-59
Tjalk JOHANNA CHRISTINA K.L. Jonker 34 1850 Vermist (opm: gezonken bij Thisted) 17-03-59
Bark JOHANNA CORNELIA H.W. Nicolai 203 1828 Buitenslands verkocht
s.Brik JOHANNA EN LOUISA C.D. Popken 71 1848 Op Padang verkocht, heet thans BAROS en vaart voor een Chinees 01-01-60
kof JONGE WICHER R.H. Zoutman 47 1827 Verongelukt in de Eems 21-04-59
kof JOHANNES A.J. Dublinga 63 1844 Verongelukt in de Bosphorus 30-11-59
Ever KOOGER POLDER S.C.T. Teensma ex Oldendorp 23 1831 Gestrand en weg 10-11-59
brik KOMEET K.C. Dekker 109 1828 Gesloopt
Sch KROONPOLDER B.J. Boekhoudt 86 1858 Gestrand en weg, Brazilie 09-12-59
kof LANDMAN A.H. Karsijns 70 1852 Gestrand Schiermonnikoog en wrak 01-07-59
S.Brik LAUWERZEE A.L. Kloekers 113 1854 In Antwerpen verkocht
Bark LOUISA JACOBA JOHANNA D. Baumgartner 297 1853 Afgekeurd te Soerabaja en verkocht 26-01-59
Frigate LOUISA MARIA P.R. Tjebbes 398 1839 Gesloopt 20-07-59
Fregat LOUISE WILHELMINE F.G. van Campen 317 1839 Gesloopt 26-04-59
Bark LOURENS KOSTER M. Koenen 293 1840 Gestrand, China en verbrijzeld 31-10-59
Bark LUCTOR ET EMERGO J. Hakker 324 1856 Gestrand, Engels Kanaal en weg 19-02-59
brik LUITENANT ADM. CALLENBURGH J. Valkenier 100 1855 Gestrand en wrak ( Brazilie) 07-03-59
S.Brik MARCHINA R.M. Huizing 82 1859 Vermist, van Koningsbergen 28-12-59
Sch MARIA J.J. de Boer 58 1854 Gestrand en ? 04-11-59
Sch MARIA H.J. Mooi 71 1857 Gestrand Zwarte Zee en ? 17-12-59
kof MARIA A.H. Scholtens 37 1834 Uit de vaart
kof MARIA REIFFINA C.O. De Groot 46 1851 Gestrand bij Nargoe en weg 20-08-59
S.Kof MARGARETHA ANTINA W.H. de Boer 64 1857 Gestrand en ? 21-10-59
Fregat NASSAU C.J. Huffnagel 246 1837 Afgekeurd in Japan 03-01-60
S.Kof NEPTUNUS A.D. de Jong 62 1845 Afgekeurd te Cowes 23-02-59
Fregat NEPTUNUS P. Schuurman 405 1835 Afgekeurd St. Helena dec. 1859 01-02-60
Bark NOORD HOLLAND G. Singer 182 1800 Gesloopt 24-09-59
Tjalk NOOIT GEDACHT R.N. van der Meulen 24 1851 Verongelukt.
Bark NIJVERHEID P.F. Lange 243 1838 Gesloopt 24-11-57
Fregat OOST INDIA PACKET W. Postma 394 1840 Gesloopt
Bark ORION C.M. Borghorst 488 1838 Gesloopt 05-08-59
Fregat OSIRIS W.H. Cramer 516 1840 Gestrand op Madura en wrak 15-12-59
S.Kof PETRONELLA W. Addens 57 1847 Gestrand Hollandse kust en wrak 17-04-59
Tjalk PETRONELLA RENSINA J.W. Kramer 36 1849 Gestrand op Ameland en ? 21-04-59
Fregat PHOENIX J. Johansen 452 1837 Gesloopt JB 180160
Ever PIETRONELLA J. Brouwer 21 1842 Gezonken 03-10-59
kof PIETERDINA G. van Dalen 34 1851 Verongelukt kust van Jutland 27-04-59
Tjalk PIETERDINA MARCHINA J. Klein 35 1853 Gezonken door aanzeiling 27-05-59
Bark PRINSES SOPHIA A.L. Hoffman 321 1839 Afgekeurd te Batavia ( 12 maart) 07-07-59
kof RIGA J.V. Kramer 64 1839 Gestrand en wrak 05-02-59
kof RIMADA ROMINA M. Wijbus 47 1857 Gestrand Oostzee en ? 07-11-59
kof ROELFINA GEZIENA J.K. Bolhuis 58 1845 Vermist
kof ROELFINA OOSTRA G.J. Zoomer 35 1840 Buitenslands verkocht
Stb. SCHIEDAM G.S. Zeeman 204 1856 Verkocht naar Engeland
Tjalk SIEBERLINA L.J. Jonker 30 1846 Gezonken in de Noordzee 01-09-59
S.Kof SIEBERLINA L.F. Ringeling 60 1858 Verongelukt in de Zwarte Zee 28-11-59
Sch SOPHIA J.B. Kruize 41 1839 Verongelukt. 08-10-59
kof SOPHIA B.L. Brongers 58 1852 Gestrand en weg 01-12-59
S.Kof SOPHIA MARIA J.A. Van Slooten 78 1840 Gezonken bij Uléa 24-07-59
Bark SOUBURG ( wijl.) H.B.L. Everts 365 1851 Gestoten bij Probolingo en gezonken 28-04-59
Fregat STAD UTRECHT F.P.J. Jaski 355 1836 Gesloopt
kof TWEE GEBROEDERS W.N. Riensema 51 1827 Gezonken 27 december 05-01-60
kof TWEE GEZUSTERS H.R. Giezen 52 1847 Verongelukt in de Noordzee 15-10-59
smak VERTROUWEN J.G. Ploeg 30 1850 Gestrand onder Vlieland 21-04-59
Bark VIER GEBROEDERS C. ter Marsch ex Bos 208 1829 Afgekeurd in Brazilie 08-10-59
kof VIER GEBROEDERS J.C. Janknecht 37 1858 Vermist 28-12-59
Hoeker VISSCHERIJ EN HANDEL C. Ydo 49 1797 Vermist 29-01-59
kof VLIJT B. Heddes 35 1850 Aangez. en later bij Hellev. gestr. (opm: vlgs. Bouma verkocht naar Duitsland) 13-03-59
kof VOLLENHOVEN (ex CATHARINA) E.G. ter Felde (opm: E.G. te Velde) (ex Olthoff) 37 1846 Verongelukt in de Noordzee 08-09-59
smak VRIENDSCHAP W.H. Kraan 34 onbek. Weg
Tjalk VROUW RENSKE H.J. Konterman 31 1845 Gestrand en weg 26-10-59
Fregat VIJF GEBROEDERS G.J. Teensma 466 1839 Verkocht op Java en ? 18-10-59
Sch WELMOET L.D. Kramer 42 onbek. Aangezeild en gezonken 12-02-59
Sch WILLEM CORNELIS Y.P.G. Konter 82 1856 Gestrand en ? 20-11-59
Bark WILLEM III C. van der Burg 322 1850 Gestr. bij Brouwershaven en wrak 01-01-60
kof WILHELMINA (ex ANNECHINA) (opm: mogelijk WILMINA) Schuitema( ex Donga) 62 1845 Gestrand in de Eems en wrak 21-04-59
kof WIJBE JACOBS J.W. Visser 74 1859 Gestrand in de Oostzee en ? 07-11-59
Bark ZEEVAART H.G. Biesthorst 254 1839 Afgekeurd op Java 17-05-59
kof ZELDENRUST G.K. de Groot 37 1855 Verongelukt, Noordzee 02-01-60
kof ZWAANTINA D.B. Schuur 46 1853 Gezonken Requejada 27-03-59
Tjalk ZWAANTINA G.O. Bakker 33 1846 Afgekeurd en verkocht te Harwich
Sch ZWAANTJE J.H. Engelsman 82 1857 Gezonken in de Spaanse Zee 03-10-59

Totaal uit de vaart geraakt 147 schepen, metende 19.424 lasten
Recapitulatie:
Aantal van iedere soort Gesloopt Afgekeurd Verbrand Vermist Overzeild Gezonken Gestrand enz Buitenlands verkocht.
13 Driemast schepen, waarvan 7 2 1 - - 1 1 1
27 Barken 4 7 1 1 - 1 10 3
5 Brikken 1 - - - - - 3 1
22 Schooners - - - 3 1 4 10 4
60 Koffen, Galjoten enz. 1 1 - 9 2 6 39 2
19 Smakken en Tjalken - 1 - 2 1 4 9 2
1 Stoomboot - - - - - - - 1
______ _____ _____ _____ _____ ______ ______ _______
13 11 2 15 4 16 72 14
Ouderdom der schepen: 35 van 1 tot 5 jaren, 31 van 5 tot 10 jaren, 21 van 10 tot 15 jaren, 60 van 15 en daarboven, waaronder 1 van 1800 en 1 van 1797.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Schepen te koop, zijnde:
- een Tjalkje, met mast enz, 26 ton;
- een Jagt of Veerschip, met zeil en treil, groot 23 ton;
- een wel ingericht Potschip, met tuig, 26 ton;
- een Boot of Jagt, met losse roef, twee stel zeilen, 5 ton.
Alle nog zeer hecht en sterk; bij O.L. Lantinga, scheepsbouwmeester te IJlst.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een half beurtschip met deszelfs inventaris, groot 10 ton, varende in de vaste beurt van Blija op Dokkum en terug.
Te bevragen vóór de 17e maart 1860 bij J.W. Elzenga te Blija.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw schip, lang 12 el 750 strepen (of 45 voet), wijd 2 el 975 strepen (of 10 voet 6 duim), hol 1 el 130 strepen (of 4 voet); bij W.T. Kamp, scheepstimmerbaas te Leeuwarden.


25 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 24 februari. Gisteren is van de scheepstimmerwerf van M. van der Kuijl alhier, met goed gevolg te water gelaten de ijzeren stoomboot STAD 'S BOSCH, bestemd voor het stoombootveer tussen 's Hertogenbosch en Rotterdam. De machines van de oude stoomboot van die naam worden, na belangrijke reparaties in de fabriek van de heren Diepenveen, Lels en Smit aan de Kinderdijk te hebben ondergaan, in de nieuwe boot overgeplaatst.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bradlington, 22 februari. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) JAN ZIJLKER, kapt. A.C. van Driesten, van Middlesbro’ komende, is alhier met verlies van mast, anker en ketting en andere schade binnengelopen (opm: zie NRC 010360).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping ten overstaan van de notaris S. van Dorsser, residerende te Dordrecht, op zaterdag 10 maart 1860, 's middags ten 12 ure, in het hotel Bellevue, bij J.B. Boudier te Dordrecht, van een buitengewoon goed bezeild Kofschip genaamd DE VROUW CLARA, varende onder Nederlandse vlag, volgens Nederlandse meetbrief lang 21,30 el, wijd 4,07 el, hol 2.31 el, gemeten op 89 ton, doch ladende ongeveer 70 lasten, volgens het laatste certificaat afgegeven door het Bureau Veritas, geclassificeerd 3 Q G 2.1.; met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften, zoals het ligt in de Rietdijkshaven te Dordrecht, behalve de zeilen, die bij de zeilmaker P. Recourt aldaar aan de Taankade liggen en bij dezen te bezichtigen zijn.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 24 februari. Uitgezeild: ALMA, kapt. H. Bowbyes, CLEMENS, kapt. H. Persoon, beiden naar Newcastle.

ZZC 250260
Brouwershaven, 21 februari. Binnengekomen: JEANETTE, kapt. F. Visser Pzn (opm: bark JEANNETTE, kapt. T. Visser Pzn), van Batavia naar Rotterdam, laatst van Mauritius.
23 Dito WATERGEUS, kapt. H.R. Giezen, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND binnendoor van Hellevoetsluis.

ZZC 250260
Brouwershaven, 21 februari. Heden is alhier van het schoenerschip ANNA ALEXANDRE aangebracht, een klein gedeelte van de inventaris benevens een vat potash.
Brouwershaven, 22 februari. Heden is wederom aangebracht uit het wrak van de ANNA ALEXANDRE, een gedeelte der lading bestaande uit verfwaren, lood, ijzer, enz.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 24 februari. Binnengekomen: KAAP HOORN, kapt. L.J. Dik, van Batavia naar Rotterdam.
25 Dito EERSTELING, kapt. A.P. Armstrong, van Batavia naar Dordrecht.
26 Dito ELIZABETH, kapt. W.C. Veenstra, van Rotterdam naar Batavia, met een detachement troepen sterk 125 man, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis.
27 Dito MARIA ADRIANI, kapt. S. van der Held Szn, HELENA en ANNA, kapt. J.C.F. Lupcke Jr, DRIE VRIENDEN, kapt. L.P. Anderson, VEREENIGING, kapt. J. de Jong, allen van Batavia naar Rotterdam, de laatste met verlies van anker en ketting naar Dordrecht.
24 Dito uitgezeild: WATERGEUS, kapt. H.R. Giezen, van Rotterdam naar Batavia.
25 Dito STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.

ZZC 250260
Brouwershaven, 24 februari. Gisteren en heden zijn wederom alhier aangebracht een gedeelte van de inventaris bestaande uit rondhouten, kettingen, ankers, enz, alsmede een groot gedeelte van de lading bestaande uit verfwaren, kettingen, lood, ijzer, etc, alles afkomstig van het gestrand Frans schoenerschip ANNA ALEXANDRE, kapt. Moijan.

JB 250260
Advertentie. De vroeger geannonceerde verkoop van het Nederlands-Indisch brikschip HENRIETTE, zal plaats vinden te Soerabaija op de 27e februari e.k.
Batavia, 22 februari 1860 Schimmelpenninck & Co


26 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 24 februari. Het wrak van het schip HEILINA, kapt. A.H. Panjer, van Rotterdam naar Garston, in de Kanaalhaven gezonken, is met de inventaris en inhebbende lading voor NLG 3.946 verkocht.


27 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Belfast, 25 februari. Per het schip JEDINSTVO, van Taganrog gearriveerd, is alhier aangebracht de equipage van een Nederlands schip, bestaande uit de kapitein, diens vrouw en kind en vijf zeelieden, welke personen men op 23 december op de hoogte van de Taag in een boot drijvende vond. (opm: opvarenden schoener ANTJE HAVERBULT, zie NRC 060160)


28 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 17 februari. De Belgische galjoot EUPHRASIE, kapt. De Potter, van Smirna (opm: Izmir) naar Amsterdam, alhier binnen, heeft, na gelost te hebben en gerepareerd te zijn, een gedeelte der lading weder ingenomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Boelen, C.A. Schröder, P.F. A. Luijtjes, J.T. L. Meyjes, J.H.V.D. Emster, P.H. Craandijk, A. Roquette, C. Ament, A.M. Balwé en E.G. Boscher, makelaars, presenteren als lasthebbende van hun principalen, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, bij openbare veiling aan de meestbiedende of hoogstmijnende te verkopen op maandag de 12e maart 1860, des avonds ten 6 ure precies, ten huize van L.H. Wolters, in de Nieuwe Stads Herberg te Amsterdam, een extraordinair welbezeild Fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd IMMAGONDA SARA CLASINA, gevoerd geweest door kapt. M. van Gijzel. Volgens Nederlandse meetbrief lang 39 ellen 40 duimen, wijd 7 ellen 60 duimen, hol 5 ellen 78 duimen, en alzo gemeten op 769 tonnen of 406 lasten. En dat verder met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften. Het voorsz. fregatschip ligt aan de werf De Gouden Leeuw, in de Kleine Kattenburgerstraat. Breder volgens inventaris en bericht bij voornoemde makelaars of bij de cargadoors De Vries & Co.


29 februari 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 28 februari:
- Nederlands barkschip PRESIDENT RAM, groot 606 tonnen of 320 lasten. Verkocht om NLG 8.400.
- Nederlands barkschip FACTORY (opm: FACTORIJ), groot 359 tonnen of 190 lasten. Verkocht om NLG 10.000.
- Nederlands barkschip CAROLINA, groot 835 tonnen of 441 lasten. Opgehouden om NLG 12.500, zijnde later uit de hand verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Belfast, 25 februari. De alhier aangebrachte Nederlandse schipbreukelingen – zie NRC van 27 februari – is de bemanning enz. van de Nederlandse kof (opm: schoener, zie ook NRC 060160) ANTJE HAVERBULT, kapt. Van Heuvelen, welke bodem op de reis van Newport naar Alicante gezonken is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 25 februari. Een Nederlandse kof, naar men veronderstelt de NEPTUNUS, kapt. Veen, van Liverpool naar Rostock, trachtte 21 dezer, zonder loods, onze haven te bereiken, doch werd door ijs en stroom om de Noord gezet, waar het schip sedert op en neer drijft. Eergisteren verloor het anker en ketting.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 22 december 1859. Zr.Ms. stoomschip SURINAME is heden op de rede willende ankeren in aanvaring gekomen met het ten anker liggende Nederlandse schip HENDRIK JAN, kapt. Van der Meijden. Laatstgenoemde verloor daarbij boegspriet en kluiverboom en kraakte de fokkemast, terwijl ook de stoomboot zodanige schade aan de schepraderen bekwam, dat zij onmiddellijk weer in het dok, dat zij juist na geëindigde reparaties verlaten had, is gebracht om de averij te herstellen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 28 december 1859. Zaterdag avond l.l. keerde enig volk van de AGATHA EN MARIA, kapt. Van Zijp, naar boord terug. Een van het volk kreeg woorden met de bootsman, die zich ook in de sloep bevond, welke woordentwist zodanig toenam, dat de matroos de bootsman een zware wonde met een mes in de zijde toebracht. Onmiddellijk hield de sloep bij het marine établissement stil om de gewonde aldaar de nodige hulp te verlenen, maar hij bezweek kort daarna.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 3 januari. De Nederlandse bark NEÊRLANDS KONINGIN, kapt. G. Geerling, 19 december van Passaroeang naar Nederland vertrokken, is te Banjoewangie lek uit zee teruggekomen. Een stoomboot is reeds afgehuurd om het schip te halen, kunnende het zonder assistentie niet hier komen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 4 januari. Volgens ontvangen telegram van Banjoewangie is het Nederlandse schip E.W. VAN DAM VAN ISSELT, kapt. J.C. Kolm, 13 december van Passaroeang naar Nederland vertrokken, aldaar lek uit zee teruggekeerd. Heden vertrekt er een stoomboot derwaarts ter assistentie.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 januari. De Nederlands-Indische bark GENERAAL MICHIELS, kapt. De Wilde, de 7e december van Passaroeang naar Nederland vertrokken, is hier heden lek uit zee geretourneerd.


Krant:

  JB - Javabode

Probolinggo, 11 februari. Heden vertrok van hier naar Bezoekie de Nederlands-Indische brik TALS, thans hernaamd C. AMELIA, kapt. Gerhard.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op een nader te bepalen dag in de eerste helft van de maand maart 1860 zal te Soerabaija voor rekening van belanghebbenden worden verkocht in het pakhuis, gelegen aan de Kalimaas naast het Entrepôt-pakhuis Lr. C, de romp van de Nederlandse bark E.W. VAN DAM VAN ISSELT, kapt. J.C. Kolm, groot 377 gemeten lasten, voorzien van 30 en 32 oncen rood koperen huid, welke slechts een jaar oud is, met de masten, een groot anker met ketting, een pomp, enz. zo als deszelve aldaar ter rede is liggende. Daarna afzonderlijk de inventaris, bestaande uit stengen, ra's, staand- en lopend want, kettingen, ankers, waarloze rondhouten, zeilen, waaronder enige nieuwe zeilen, blokken, 2 pompen, een chronometer, een barometer, verder scheepsinstrumenten, enig restant provisien, enz. alsmede een nieuwe grote boot, met mast en zeilen compleet, een giek en een sloep.
Nadere informatiën te bekomen bij de kapitein in het Java-Hotel te Soerabaija, en bij de agenten, J.F. van Leeuwen & Co.


01 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 februari. De te Hellevoetsluis in de voorhaven van het kanaal van Voorne gezonken kof HEILINA, gevoerd geweest door kapt. A.H. Panjer, is 48 uur na de verkoping door de kopers ledig gepompt, en boven water gebracht. De vreugde daarover werd gekenmerkt door het hijsen der vlaggen, en men stelt zich voor een goede som voor de lading bruinsteen en voor het schip te maken, daar schip en lading door het zeewater weinig geleden hebben.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 februari. Volgens telegrafisch bericht van het Nieuwediep van heden, was het schip (opm: schoener) ANNA ELISABETH, kapt. Schrikkema, van Cette (opm: Sète) naar Amsterdam, in Texel binnengekomen, doch op de Zuidwal geraakt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 februari. In de nacht van 28 op 29 februari is op de Eijerlandsche gronden gestrand het Hanoverse galjasschip EMANUEL, kapt. Claus Drewes, met een lading tarwe van Geversdorf (opm: Elbemonding) naar Antwerpen gedestineerd. Van de 4 man der equipage is de stuurman verdronken. De kapitein en 2 man zijn gered. Het schip zit vol water en men vreesde, dat bij het aanhoudend stormweer weinig geborgen zou kunnen worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 28 februari. Het Nederlandse schip JOHANNA WILHELMINA, kapt. Faber, op 22 februari van Leer naar Konstantinopel (opm: Istanbul) vertrokken, is heden met verlies van zeilen en verschansingen en gebroken bezaanmast uit zee geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bridlington (opm: Bradlington), 27 februari. Het vroeger medegedeelde bericht betreffende de averij van het Nederlandse schip JAN ZIJLKER, kapt. Van Driesten, zie NRC van 25 februari, was onjuist.
Dit schip heeft niet de mast verloren of andere schade bekomen; alleen verloor het anker en ketting, die bovendien weder aan boord gebracht zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 21 januari. Het alhier in averij binnengelopen schip MALACCA, kapt. Bedel (opm: buitenlander), van Penang naar Londen, is afgekeurd en publiek verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 januari. Het schip (opm: fregat) STAATSRAAD BAUD, kapt. T. de Jong, van hier naar Amsterdam, met schade uit zee teruggekeerd, is afgekeurd.


02 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 29 februari. Bij het verongelukken van het Hanoverse everschip EMANUEL, kapt. C. Dreves (opm: of Drewes), had de volgende merkwaardige omstandigheid plaats: de equipage, bestaande uit 4 personen, trachtte met de boot het schip te verlaten, hetgeen dan ook plaats vond.
Nauwelijks in de branding gekomen sloeg de boot om. De bemanning ten speelbal der golven, werd in de nabijheid der kust heen en weer geslingerd. Een aantal vissers van De Cocksdorp, die inmiddels op de strandingplaats waren toegeschoten, namen echter ras het manmoedig besluit, om hand aan hand een lange schakel te formeren en zo gezamenlijk ter redding de zee in te gaan. Dit had het gelukkige gevolg, dat drie personen werden gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 28 februari. De Nederlandse schepen WILLEM JACOBUS, kapt. Visman, van Buenos Ayres naar Antwerpen, en ELISABETH JACOMINA, van Groningen, naar Konstantinopel (opm: Istanbul) bestemd, hebben ter rede van Duins (opm: The Downs) anker en ketting verloren, doch zijn opnieuw daarvan voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 26 februari. De Nederlandse kof NEPTUNUS, kapt. Van der Veen, van Liverpool naar Rostock, is door het ijs bezet geraakt en naar Kullaberg (opm: nabij Kullen Lt.Ho. – 56º18’ N.B. 12º27’ O.L.) gedreven, waar het schip zeer gevaarlijk aan de grond geraakt is. Het schip is lek en het is zeer twijfelachtig of het gered zal kunnen worden. (Zie NRC van gisteren) (opm: zie NRC 040360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carthagena, 22 februari. Het alhier op 11 november l.l. binnengelopen Nederlandse schip AGATHA, kapt. T. van Slooten (opm: zie NRC 180160 en 210560), van Messina naar Antwerpen, heeft de reparaties bijna geëindigd en zal, naar men veronderstelt, 15 maart e.k. gereed zijn om de reis te vervolgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 maart. Het schip WILHELMINE, kapt. Klint, van Suriname, is hier heden gearriveerd met verlies van de grote mast, benevens stengen, zeilen, grote sloep en verschansing.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 maart. Het schip NEPTUNUS, kapt. Peters (opm: buitenlander), van Emden met haver naar Londen, is gisteren lek bij Callandsoog op strand gezet. De equipage is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 maart. De Nederlandse schoener ANNA ELISABETH, kapt. Schrikkema, van Cette (opm: Sète) naar Amsterdam, op de Zuidwal gestrand – zie NRC van 1 maart – lost de lading wijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 maart. Volgens brief van Egmond aan Zee van de 29e februari was in de storm van de vorige dag, dicht langs de kust, gepasseerd een brik, vermoedelijk een Engelse collier (opm: schip gespecialiseerd in vervoer van kolen), en had men de volgende dag, onder veel wrakhout, gevonden een naambordje, waarop met ingesneden letters Newark.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 29 februari. Het van Hamburg alhier binnengekomen tjalkschip GESINA LAMMECHINA, kapt. Braamhorst, heeft de zwaarden verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 1 maart. Het schip DELPHIN, kapt. Lenda, van Antwerpen naar Genua, op de Kloot gestrand, heeft veel geleden, doch is nog niet gebroken. Van de lading zijn 20 kisten tabak meer of minder beschadigd en 10 vaten suiker onbeschadigd geborgen, terwijl men bezig is nog zoveel mogelijk te bergen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te Amsterdam ligt in lading naar Gibraltar, om binnen kort te vertrekken, het Nederlands snelzeilend gezinkt schoonerschip POMONA, kapt. L. van der Borden.
Adres bij de cargadoors de Grijs & Comp, te Amsterdam, en bij de reders L. van der Hilst en Comp. te ’s Hage.


03 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 10 februari. Het alhier lek en met andere averij binnengelopen Nederlandse schip MINA, kapt. Nieuwstraten, van Rotterdam naar Havana, moet de lading lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zijn van mening, op last van hunne meester, op dinsdag de 20e maart 1860, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, No. 499, publiek te verkopen het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip GENERAAL MICHIELS, laatst gevoerd door kapt. P.G. Visser, volgens meetbrief lang 32 el 80 duim, wijd 5 el 82 duim, hol 4 el 58 duim, en alzo groot 207 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende aan de scheepstimmerwerf van de heren De Jong, Kortland en Anthony alhier.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht, een chronometer, van A. Hohwu, No. 157, te bezichtigen bij de heer J.P. Dupont.


04 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Krachtens Zr.Ms. besluit van de 1e dezer, wordt het fregat met stoomvermogen ZEELAND, liggende te Vlissingen, met de 1e april aanstaande in dienst gesteld, onder bevel van Zr.Ms. adjudant in buitengewone dienst, de kapt. ter zee H. Wipff, aan welke hoofdofficier tevens wordt opgedragen het bevel als divisiecommandant, wanneer later gemeld fregat verenigd zal zijn in divisie met de fregatten met stoomvermogen EVERTSEN en ADMIRAAL VAN WASSENAER, op welk tijdstip van vereniging door hem als zodanig de standaard zal worden gehesen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ostende, 2 maart. De Nederlandse brik EENSGEZINDHEID, kapt. Holsteijn, 23 februari van Vlissingen naar Littlehampton vertrokken, is hier gisteren lek en met omvergeworpen lading binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 maart. Het alhier van Sevilla gearriveerde Nederlandse schip (opm: kof) ALIDA CATHARINA, kapt. A.J. van de Wal, heeft onder Duins (opm: The Downs) om stranden te voorkomen anker en ketting moeten slippen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg, 27 februari. De lading, bestaande uit 123 vaten siroop en 25 balen rijst, uit het gestrande schip NEPTUNUS, kapt. Van Veen (opm: kof, kapt. M. van der Veen) – zie NRC van 2 maart – is gered. Het schip heeft zoveel geleden, dat het wrak zal zijn (opm: nabij Kullen Lt.Ho. – 56º18’ N.B. 12º27’ O.L.). De vaten met siroop hebben mede veel geleden.


05 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 maart. Het schip ANNA ELISABETH, kapt. Schrikkema, van Cette (opm: Sète) herwaarts gedestineerd, op de Zuidwal gestrand, zit, volgens brief van het Nieuwe Diep van 3 dezer, zeer hoog. De lading wordt in een lichter gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 3 maart. De te Groningen te huis behorende schoener ANTJE (opm: kapt.-eig. J.R. Nieveen), van Shields naar Barcelona, is bij Tarifa (opm: 36º N.B. 5º37’ W.L.) overzeild en gezonken. (opm: zie NRC 140360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 3 maart. Binnengekomen MERCURIUS, kapt. Haan (opm: schoener hoeker, kapt. W. de Haan), van Londen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Camaret, 28 februari. Het wrak van het op 30 januari alhier gestrande Nederlandse schip MARIA ELISABETH MARGARETHA (opm: zie o.a. NRC 050260), is bijna geheel verbrijzeld.


06 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Het Nederlandse schoenerschip TWEE VRIENDEN, kapt. Meijer, van hier naar Philadelphia, dat de 18e december j.l. ten gevolge van ijsgang in de marinehaven te Hellevoetsluis was gezonken, is na aldaar gerepareerd en de lading weer ingenomen te hebben, op de rede gekomen en ligt thans zeilklaar.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 maart. Het schip (opm: brik) VERTROUWEN, kapt. E.J. Teensma, van Messina naar Boston, is, volgens brief van de kapitein, in dato rede van Tunis de 24e februari, die dag door de Franse postboot met zware schade ter rede van Tunis binnengesleept, hebbende hevige stormen doorgestaan en stortzeeën overgekregen, waardoor de roef, grote boot, sloep en alles wat zich op het dek bevond, over boord geslagen en het schip zodanig op zijde werd geworpen, dat men genoodzaakt was geworden de fokkemast te kappen en een noodtuig op te richten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 2 maart. Het schip DELPHIN, kapt. Lude (opm: vermoedelijk buitenlander), van Antwerpen naar Genua, op de Kloot gestrand, heeft 3 voeten water in het ruim. Men is bezig de masten uit te nemen om te lichten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire, 29 februari. Het schip SARAMACCA, kapt. De Vries, van Cardiff naar Triëst, alhier in averij binnengelopen, heeft een bodemarij van F.FR. 5 à 6.000 aangevraagd.


07 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 6 maart:
- Nederlands barkschip CORNELIS ANTHONIE, groot 644 tonnen of 340 lasten; om NLG 60.500 verkocht.
- Nederlands barkschip SALATIGA, groot 413 tonnen of 218 lasten; om NLG 26.700 verkocht.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven,1 maart. Van hier vertrokken: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht; BATO, kapt. W.F. Broeksmit, van Rotterdam naar Hong Kong, via Cardiff, gesleept per stoomboot NIEUWE-SLUIS binnendoor van Hellevoetsluis.
Aangekomen de 2e dito OUDERKERK a/d AMSTEL, kapt. D.H. Kramer, van Batavia naar Rotterdam, gesleept per stoomboot KINDERDIJK, uit zee, wegens contrarie wind; INDUSTRIE, kapt. A. Hilcken, van Rotterdam naar New York, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND binnendoor van Hellevoetsluis.
Aangekomen de 3e maart. WALCHEREN, kapt. K. Hoek, van Batavia en vertrokken de stoomboot STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


08 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Livorno, 29 februari. Het schip (opm: galjoot) SIRENE, kapt. F.G. Schippers, van Liverpool alhier aangekomen, heeft op de reis veel stormen doorgestaan en daardoor verschansingen, kluiverboom, voorsteng en zeilen verloren. De 23e dezer had kapt. Schippers met levensgevaar de equipage gered van het in zinkende staat verkerende Engelse schip CLYMENE, kapt. Garbutt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos-Ayres, 27 januari. De Nederlandse brik JENNY, kapt. A.R. de Lang, alhier bijna beladen ter rede liggende, is 15 dezer aangedreven door de Engelse bark UNICORN en bekwam daardoor zoveel schade, dat het schip de lading weder zal moeten lossen, om te repareren.


09 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lowestoff, 5 maart. Het alhier gestrande Belgische schip HENRY JOSEPH, van Callao naar Aberdeen – zie NRC van gisteren – is zonder hulp vlot gekomen en alhier geankerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Volgens particulier bericht van kapt. G.W. Rotgans, voerende het schip (opm: bark) OTTO, op 24 februari j.l. uit Hellevoetsluis gezeild, bestemd naar Cardiff, werd deze bodem de 28e daaraanvolgende op de hoogte van Texel door een hevige storm belopen.
De fok en het voormarszeil, welke vastgemaakt waren, woeien uit de beslagseizings weg, het groot marszeil en voorsteng stagzeil barstten uit de lijken, het schip werkte in de hoge zee verschrikkelijk en helde soms met de wegwijzerblokken te water, zodat de ballast over werd geworpen en de sloep uit de davids sloeg. Na verloop van 4 à 5 uren bedaarde het weder enigszins, het schip was dicht en men zette zoveel zeil mogelijk om van lager wal te blijven. De 1e maart had men de rede van Noord-Voorland (opm: North Foreland) bereikt en was de kapitein aldaar geankerd, om met eigen equipage de schade te herstellen en de reis te vervolgen. De opvarenden waren allen wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Het schip ATTERDAG, kapt. Erichsen, van New-York naar Leer, is, volgens brief van Ameland van de 5e maart, de vorige nacht op het Bornrif, ten westen van Ameland gestrand. Men hoopte bij gunstig weer het schip vlot te kunnen brengen en de lading te bergen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Bij E. van der Wal te Grouw is uit de hand te koop: een overdekt Schuiteschipshol, groot 15 tonnen, oud 10 jaar, sterk en best; alsmede twee pramen, groot 5 tonnen.


10 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. De 3e dezer is van de werf van de scheepsbouwmeester B.J. Drenth te Muntendam te water gelaten de schoenergaljoot MARIA REIFINA, groot ongeveer 170 tonnen, gebouwd voor rekening van de heer G.H. Addens, te Winschoterzijl, en gevoerd zullende worden door kapt. C. de Groot.
De 6e dezer werd van de werf van de scheepsbouwmeester van Linge te Veendam te water gelaten het schoenerschip HARMONIE, groot ongeveer 170 tonnen, gebouwd voor rekening van en gevoerd zullende worden door kapt. P. de Boer.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft uit Emden aan de Groninger Courant:
De alhier wonende koopman Reemtsma kocht voor vier jaren met nog enige anderen een Emdener schip, AMASIS (opm: waarschijnlijk AMASUS, de Latijnse naam voor Eems), voor 12,000 rthl. Men liet het uitrusten en bevrachtte het naar Engeland. Tot kapitein werd aangesteld zekere Krüger, uit de omstreken van Leer. Het schip ging op reis en kwam in Engeland aan, van waar de kapitein nogal aanzienlijke rekeningen van een reparatie overstuurde, die echter prompt betaald werden. Hij schreef er ook bij, dat hij een goede lading naar Australië had. Het schip ging dan ook naar genoemd werelddeel, maar….. kwam niet terug. Sedert vier jaren schijnt de kapitein nu met het bedoelde schip langs de kust van Australië voor eigen rekening te varen. Alle brieven van Reemtsma zijn echter onbeantwoord gebleven, en daar het kapitaal zo toch weg is, hebben de reders besloten er nog een paar duizend rthl. aan te wagen, om de kapitein, zo mogelijk, in handen te krijgen. Met behulp der Hannoverse en Engelse regering is reeds een andere kapitein, Kiwiet, van hier op reis gegaan, voorzien van de nodige volmacht en brieven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Staat der Nederlandse zeemacht op 1 januari 1860:
5 Fregatten met stoomvermogen, waarvan 3 met 51 stukken en 2 met 45 stukken; 2 korvetten met stoomvermogen, met 19 st; 17 schroefstoomschepen, waarvan 4 met 16 st, 3 met 14, 9 met 8 en 1 met 7 st; 13 schroef stoomflotille vaartuigen, waarvan 11 met 10 en 2 met 8 st; 12 rader stoomschepen, waarvan 5 met 8, 4 met 6, 1 met 4 en 2 met 1 st; 1 rader stoomschip (behorende aan het dept. van koloniën, doch bemand wordende door de marine), met 4 st; 6 drijvende batterijen, waarvan 3 met 32, 1 met 30 en 2 met 26 st; 2 linieschepen der 2e kl., met 74 st; 3 fregatten der 1e kl., waarvan 1 met 54 en 2 met 53 st; 4 fregatten der 2e kl, met 36 st; 1 geraseerd (opm: van masten en tuig ontdaan) fregat, met 28 st; 4 korvetten der 1e kl, waarvan 1 met 28 en 3 met 26 st; 2 idem der 2e kl., waarvan 1 met 20 en 1 met 12 st; 7 brikken, waarvan 4 met 18, 1 met 14 en 2 met 12 st; 7 schoener brikken, waarvan 1 met 10, 5 met 6 en 1met 5 st; 4 schoeners, waarvan 3 met 3 en 1 met 1 st; 1 transportschip met 19 st; 34 kanonneerboten, groot model (nieuw, oud en mortier) en 11 idem, klein model; 1 idem in de West-Indië, met 2 st; 13 verdedigingsvaartuigen met 5 st.
Schepen tot verschillende diensten gebezigd: 1 korvet 1e kl, exercitie batterij te Willemsoord; 1 gewezen raderstoomschip, wachtschip te Soerabaija. Te samen 151 schepen.
In dienst zijnde schepen en vaartuigen. 10 bestemd voor de binnenlandse dienst; 1 bestemd voor de buitenlandse dienst; 3 op kruistocht; 5 op reis naar Oost-Indië; 1 op reis naar de West-Indië.
Zeemacht in de Oost-Indië. 28 schepen, waarvan 2 wachtschepen; 4 korvetten; 7 brikken; 5 schroefstoomschepen; 10 rader stoomschepen en 1 roei kanonneerboot.
Zeemacht in de West-Indië. Station Curaçao: 2 schepen; station Suriname: 4 schepen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Het schip (opm: galjoot) CADZANDRIA, kapt. J.R. Oomkens, van deze stad naar Boston (Amerika) vertrokken, is in aanvaring geweest en heeft daardoor enige schade aan schip en tuigage aan schip en tuigage bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 6 maart. De te Schiedam te huis behorende brik TWEELINGEN, kapt. Middel, 28 februari van Rotterdam met een lading hooi alhier gearriveerd heeft de 24e te voren bij Fern Eiland op een blinde klip gestoten en daarbij een zwaar lek bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 4 maart. De alhier gearriveerde Nederlandse schepen NEELINA JETTIENA, kapt. Kuipers (opm: galjoot NEELINA JELTINA, kapt. F.J. Kuipers), van Londen, en JONGE WALRAVE (opm: schoener DE JONGE WALRAVE), kapt. M.K. Gnodde, van Amsterdam, hebben op hun respectieve reizen veel slecht weder doorgestaan en daar in schade aan tuig en zeilen bekomen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 8 maart. Uitgezeild de 8e dito ELIZABETH, kapt. W.C. Veenstra, van Rotterdam naar Batavia, met een detachement troepen sterk 125 man en de BATO, kapt. W.F. Broeksmit, van Rotterdam naar Hong Kong, via Cardiff.


11 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 maart. Voor het Admiraliteitshof is gisteren behandeld de zaak der aanzeiling tussen het Nederlandse schip (opm: bark) VREDE, kapt. J.L. ter Bruggen, van Rotterdam naar Melbourne, en het Zweedse schip VIKTOR, kapt. Prehn, van Cheribon naar Stockholm bestemd, welke aanzeiling, als vroeger gemeld, in de vroege morgen van 27 november j.l. in de Noordzee plaats greep (opm: zie NRC 301159). Nadat partijen gehoord en door hun helpers verdedigd waren, heeft het hof uitspraak gedaan en verklaart dat het Zweedse schip in deze alleen schuldig is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 maart. Kapt. Specht Grijp, voerende het te Rotterdam te huis behorende brikschip GOUVERNEUR ELSEVIER, van Rotterdam naar de kust van Afrika bestemd, de 6e februari j.l. met schade wegens aanvaring te Ramsgate binnen gelopen, als vroeger gemeld, rapporteert omtrent deze averij het navolgende:
“Ik vertrok van Hellevoetsluis de 3e februari en ankerde in de avond van de 5e onder Duins. Mijn ankerlicht brandde helder van het voorstag en het was helder maanlicht, zodat men alles aan de wal en op zee zien kon. Ten 10 uur 45 min. kwam mij de wacht aan het dek waarschuwen dat een stoomboot met een schip op sleeptouw voor de GOUVERNEUR ELSEVIER over kwam. Ik ging onmiddellijk aan dek en op datzelfde ogenblik kwam het schip, hetwelk later het fregat ARETHUSA bleek te zijn, van de stoomboot los – hetzij men de sleeptouwen losgegooid had of wel, dat die gebroken waren – en dreef door de felle stroom op mijn schip, waardoor de fokkenmast met boegspriet, kluiver en buitenkluiverboom overboord gingen, de grote mast gebroken en belangrijke schade in de bakboordboeg aangericht werd. Bij het peilen der pomp ontdekten wij mede, dat het schip een weinig water maakte. Ten 11½ ure kwam er een boot met volk aan boord en ik nam deze aan om het schip naar Ramsgate te brengen. Des maandags ’s morgens 9 ure gingen wij anker op (wij konden het anker niet lichten en ik was dus genoodzaakt de ketting te slippen) en kwamen ten 11 ure, gesleept door een stoomboot, ter rede van Ramsgate”.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 7 maart. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip ERASMUS, kapt. van Heyningen, van Rotterdam naar Amboina, is heden op de Patentslip gehaald.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 8 maart. Het schip (opm: brik) CESAR, kapt. A.D. de Jong, de 1e maart van Liverpool alhier aangekomen, heeft in de storm van 27 februari voor de baar op zijde gelegen, waardoor de verschansing aan stuk geslagen werd, een gedeelte van hetgeen zich op dek bevond, verloren gegaan, en enige zeilen weggewaaid zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremen, 7 maart. De Nederlandse schoenerkof JOHAN MARTIN, kapt. J.H. van Slochteren, met een lading geelhout van Maracaïbo naar Liverpool bestemd, werd in de nacht van 9 op 10 februari, circa 100 mijlen ten westen van de Azorische eilanden, door een hevige storm belopen, bekwam daarin een zwaar lek en verloor de masten. Nadat het schip acht dagen lang met vijf voet water in het ruim gedreven had, ontmoette men de Spaanse brik JESUS MARIA, kapt. Lecertus, welke de geheel uitgeputte manschap aan boord nam en heden te Bremerhaven geland heeft.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 9 maart. De Nederlandse kof MARTINUS HEERE, kapt. Brouwer, van Antwerpen naar Lissabon, is in zinkende staat door de equipage verlaten, die alhier aangebracht is.


13 maart 1860


Krant:
 DZG - Dagblad van Zuidholland en ‘s-Gravenhage

Harderwijk, 9 maart. Den 1 april e.k. zal van hier vertrekken een detachement suppletie troepen, sterk 120 onderofficieren en manschappen, onder bevel van den 2de luitenant der artillerie P.C.W. de Gelder, met bijvoeging van den officier van gezondheid 3de klasse D.J. Schneiders van Greijvenswert. Voormeld detachement zal denzelfden dag overgaan aan boord van het schip (opm: bark) LOUISA CHRISTINA, gezagvoerder J.F. ten Harmsen, liggende in het Nieuwe Diep en bestemd naar Suriname (West-Indië).


14 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Aangaande het ten westen van Ameland gestrande schip ATTERDAG, kapt. Erichsen, van New-York naar Leer, wordt van Ameland van de 9e maart gemeld, dat het hoog op het strand zat en water maakte. Men had nog geen aanvang gemaakt met bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Het schip (opm: brik) HENDRIK WILLEM KAREL, kapt. E. van Ingen, van Cadiz naar Montevideo, is volgens bericht van Winschoten van de 10e maart, de 30e december bij Montevideo gezonken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 maart. Volgens brief van het Nieuwe Diep van de 10e dezer, was op Terschelling verongelukt een Amerikaans schip, volgens rapport van de loodsschipper, een clipper, van New-York naar Bremen. De equipage zou gered en op Ameland aangekomen zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 12 maart. Kapt. J.H. Middel, voerende het schip (opm: brik) TWEELINGEN, met een lading hooi van Rotterdam naar Leith, de 28e februari aldaar met een zwaar lek aangekomen, rapporteert dat hij in de morgen van de 24e februari ongeveer 3 of 4 mijlen ten zuiden van de Fern-eilanden op een blinde klip vastgeraakt is en aldaar gedurende een half uur zwaar gestoten heeft. Nadat hij vrij kwam, vond hij vijf voet water in het ruim. Onmiddellijk werden beide pompen in het werk gesteld en koers naar Leith gezet. Des avonds ten 9 ure ankerde men ter rede van Methil in the Firth of Forth; men hield tot het aanbreken van de dag (25 februari) de pompen steeds gaande en seinde toen om hulp, waarop 6 visserslieden aan boord kwamen, welke het volk als nu tot 4 uur namiddag bij de pompen vervingen; toen gingen deze weer aan wal en kwamen niet voor de volgende dag ’s morgens om 7 uur terug en bleven toen aan boord totdat men de 28e ter rede van Leith kwam, voor welke assistentie kapt. Middel hun GBP 35 betaald heeft. De TWEELINGEN werd door een stoomboot van Methil naar Leith gesleept.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 10 maart. De alhier gearriveerde Nederlandse schepen BATO, kapt. Broeksmit, van Dordt naar Cardiff, en ETTJE BERG, kapt. Post, van Ibraïl naar Londen, hebben beide schade. Eerstgenoemde heeft de fokkera verloren, en de laatste de lading omvergeworpen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 6 maart. Het Nederlandse schip ANTJE, kapt. J.R. Nieveen, van Shields naar Barcelona, is in de avond van 29 februari op de hoogte van Tarifa in aanzeiling geweest met de Engelse oorlogsstoomboot PERSEVERANCE en daarna gezonken. De bemanning is op de stoomboot, die alleen de kluiverboom bij het ongeval verloren heeft, overgesprongen en daarmee alhier aangebracht. (Gedeeltelijk in ons nommer van 5 maart gemeld).


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 12 maart. Alhier is binnengekomen BURGER, kapt. P.J. Bartelse, van Newcastle.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 8 maart. Binnengekomen: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.
10 Dito STELLA, kapt. Fh. Tompson, van Newcasle naar Rotterdam.
De 10e dito uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


15 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 januari. Ten gevolge van nader ontvangen berichten is de Javasche Courant thans in de gelegenheid gesteld meerdere bijzonderheden mee te delen betreffende het ongelukkige lot van de equipage van Zr.Ms. stoomschip ONRUST.
Dit vaartuig was de 30e november te Marabahan teruggekeerd van een tocht langs de Boven-barito tot voorbij de monding der Teweh, op welke de toenmaals mede aan boord zijnde 1e luitenant Bangert, vroeger civiel gezaghebber te Marabahan, overal de meest gewenste blijken van onderwerping aan het Nederlandsch-Indische gouvernement en van orde en rust mocht waarnemen. Hoegenaamd niets onrustbarends werd bespeurd. In elke kampong, waarvoor gestopt werd, waren de vrouwen en kinderen aanwezig. Telkens, wanneer zulks verlangd werd, kwamen de hoofden aan boord, en brachten menigwerf kleine geschenken mee. Op vele plaatsen was de Nederlandse vlag gehesen of zag men witte vlaggen op de huizen. De landbouw werd ongestoord voortgezet en alle ingewonnen berichten waren gunstig.
Ter bestendiging van deze gewenste toestand en ter verkrijging der uitlevering van de hoofd-muiteling, pangeran Antasari door de Toemenggoeng Aria-pati te Teweh, werd de ONRUST de 15e december andermaal derwaarts gedirigeerd. Tot aan de kampong Loetoeng-toeoor, waarvoor de ONRUST de 19e december ten anker kwam, schijnt de tocht even vreedzaam geweest te zijn als de vorige. Van hier werden door de luitenant Bangert brieven aan hoofden van Teweh gezonden, houdende last om aan boord van de ONRUST te komen. Na vier dagen toeven kwamen hierop antwoorden, die weldra gevolgd werden door de aankomst te Lootoeng-toeoor der beschrevene hoofden.
Op de 27e december liet de luitenant Bangert een dezer hoofden, de Toemenggoeng Soera-pati, verzoeken met zijn zonen, doch zonder gevolg van boord te komen, zoals geschiedde
Het gebruikelijke gevolg van deze Toemenggoeng, bestaande uit naar gissing 500 man in ongeveer 100 djoekoeng’s (opm: djoekoeng = bij de Dajaks in gebruik zijnd type prauw), bleef op enige afstand van de ONRUST achter. Na de reeds vroeger vermelde conferentie kwamen de luitenant Bangert, Soera-pati en zijn zonen zeer vergenoegd op het dek der ONRUST terug, waar zij te samen praatten en lachten. De enige berichtgever omtrent dit alles en hetgeen later gebeurde, de hadji Mohamad Taib, welke reeds vijf reizen met de luitenant Bangert had gemaakt, ging daarop naar de wal, met last van meergemelde luitenant, om de overige hoofden van Teweh te zeggen, op een andere tijd aan boord te komen. Niet lang daarna te 12 uur, hoorde deze hadji vele geweren op het stoomschip afgaan, waarop hij van het vlot, dat hij betrokken had, naar buiten ging, langs de ONRUST een lege prauw zag liggen en op dit schip, dat ruim 100 vadem van hem verwijderd was, een geweldig schermen met blanke wapens waarnam. Dadelijk voeren alle aanwezige prauwen op de ONRUST aan, ook kwam de prauw van de Toemenggoeng Soera-pati te voorschijn, om uit de verte het schouwspel aan te zien.
Het rumoer aan boord duurde voort tot ongeveer 5 uur, wanneer het schip en de moordende Dajakkers naar hun djoekongs terugkeerden. Onmiddellijk stevende de prauw van Soera-pati opwaarts.
Bij het zinken der ONRUST kwamen vijf matrozen met sabels en pistolen gewapend te voorschijn, die rechts en links op de vijand schoten, door zwemmend hun leven trachten te redden, doch met geweerschoten werden gedood. Tevergeefs zocht de hadji het leven van een der opvarenden op de ONRUST te redden. Zij waren allen omgekomen. Daarop haastte hij zich het bericht van deze gebeurtenis naar Bandjermassing over te brengen.
De stoomsleper, KAPITEIN VAN OS, die het station van de afgelopen kruisboot No. 42 was gaan innemen, heeft in de nacht van 2 januari gedurende 6 uren het hoofd geboden aan een grote menigte van prauwen, welke haar aldaar hebben aangevallen, en is vervolgens op Poeloe-Pelak gerepleerd (opm: bevoorraad).
In een later nummer van de Javasche Courant leest men het volgende:
Wij zijn in de gelegenheid gesteld mee te delen het volgende zakelijk overzicht van het door Mahamad Taib te Bandjermassing verklaarde Het spreekt echter vanzelf, dat, immers voor als nog, er geen mogelijkheid is geweest, om die verklaring aan andere mededelingen of feiten te toetsen, zodat voor de juistheid van sommige bijzonderheden niet kan worden ingestaan. Vooral herinneren wij, dat deze laatste tocht van de ONRUST het gevolg was van de gunstige rapporten, omtrent de afloop van een vroegere reis op de Boven-Barito (van 16 tot 30 november 1859). Zowel de commandant van de ONRUST, als de eerste luitenant Bangert, waarnemend civiel gezaghebber te Marabahan, hadden zulke goede indrukken omtrent de stemming der bevolking en hoofden gekregen, dat tot een tweede reis werd besloten, met het doel, om van die stemming te trachten gebruik te maken tot het in handen krijgen van een der hoofden van de Bandjermassingse opstand. De gouvernement-commissaris voor de zuid en oost afdeling van Borneo had echter de luitenant Bangert de meeste voorzichtigheid in zijn aanrakingen met de inlandse hoofden aanbevolen en hem wel op het hart gedrukt, hun geen vertrouwen te schenken, bij aldien van hun zijde wantrouwen mocht worden aan dag gelegd. Dit gevoegd bij de sedert vele jaren opgedane bekendheid van de luitenant Bangert met de bevolking en hoofden van die streken, mag dan ook doen aannemen dat, tot op het ogenblik dat het verraad werd gepleegd, zich geen enkele omstandigheid heeft voorgedaan, die bij die officier gegronde achterdocht kon opwekken.
Het verhaal van Mahamad Taib luidt in substantie als volgt: Op de 19e december 1859 ankerde de ONRUST voor de kampong Loetoeng-toeoor, van waar de luitenant Bangert onmiddellijk brieven zond aan de toemenggoengs Soerapati, Roepa, Kerta-pati, Aria-pati en Mas Anoem, waarbij zij werden uitgenodigd zich tot hem te begeven. De heer Bangert gaf tevens aan Mahamad Taib verlof bij kennissen aan de wal zijn intrek te nemen, omdat hij daar meer op zijn gemak zou zijn dan aan boord. Mahamad Taib begaf zich dan ook op het vlot van een zijner aanverwanten, dat daar in de rivier op ongeveer 100 vadem van de ONRUST rotting laadde.
Vier dagen na het afzenden der brieven van de luitenant Bangert, kwam daarop antwoord, behelzende dat de toemenggoengs Soera-pati, Roepa, Mas Anoem en Kerta-pati op maandag 26 december te Loetong zouden komen.
Op die dag verschenen de drie eerst genoemden; Kerta-pati en Aria-pati konden, wegens ziekte, niet komen. Daar het reeds bijkans donker was, kwamen de hoofden die dag niet aan boord van de ONRUST.
De volgende morgen te half acht uren zond de luitenant Bangert de hadji Mahamad Taib naar Soera-pati, om hem uit te nodigen aan boord te komen, doch zonder gevolg en slechts vergezeld van zijn zonen. Bij die gelegenheid zou Soera-pati de hadji hebben gevraagd, welke rook dat was, die hij op het stoomschip zag, waarop deze zou hebben geantwoord, dat het de rook van de kombuis was, en hierop had de toemengoeng zich met twee zoons aan boord begeven in een djoekoeng, geroeid door twee man. Dit vaartuig bleef langs zijde, zolang Soera-pati aan boord van de ONRUST was.
Intussen bleven de prauwen, die met Soera-pati de rivier waren afgezakt en Mahamad Taib worden geschat op een honderdtal, bewapend, bemand met ongeveer 500 koppen te samen, op een afstand van nagenoeg dertig vademen van het stoomschip liggen. Mohamad Taib zou de heer Bangert hebben doen opmerken, dat al deze prauwen het voorkomen hadden, alsof men iets kwaads in de zin had, daar zij niet met kadjang matten gedekt waren. De heer Bangert zou daarop, in tegenwoordigheid van de commandant van de ONRUST, geantwoord hebben, dat men in deze streken geen kadjang had en dat het de gewoonte van Soera-pati was, om met een ten oorlog toegerust gevolg te reizen. Dit hoofd is ook werkelijk immer van een groot gewapend gevolg vergezeld, wanneer hij de rivier afkomt.
Soera-pati en zijn zonen werden door de luitenant Bangert in de kajuit van de ONRUST gebracht, alwaar, in tegenwoordigheid van de commandant, een gesprek met hen werd gehouden. Na ongeveer een half uur in de kajuit te hebben vertoefd, kwam het gezelschap aan dek, ogenschijnlijk opgeruimd en weltevreden, en pratende en lachende. Soera-pati en zijn zonen verwijderden zich en de heer Bangert zei de hadji, dat de andere hoofden op een ander ogenblik zouden kunnen komen.
Mohamad Taib vroeg daarop ook verlof, om naar zijn vlot te gaan, om te eten, en verwijderde zich. Kort nadat hij op het vlot was, ongeveer te 12 uren, hoorde hij een hevig geweervuur op de ONRUST, en zag hij dat een lege djoekong langs het schip lag, terwijl aan boord een hevig gescherm met blanke wapens plaats had. Hierop naderden al de overige prauwen, waarvan de bemanning het schip enterde. De prauw van Soera-pati, die zeer lang is en door de menigte van djoekongs de ONRUST niet kon naderen, bleef op enige afstand de strijd aanschouwen; Mahamad Taib kon echter niet onderscheiden, of Soera-pati zelf daarin was.
Het rumoer aan boord heeft geduurd tot 5 uren des middags, toen het zinken nabij was en de Dayaks het verlieten. Op dat ogenblik vertoonden zich nog vijf Europeanen (Mohamad Taib meent dat het matrozen waren) gewapend met sabels en pistolen die zij op de vijand afvuurden. Bij het zinken trachtten zij zich door zwemmen te redden, maar ook zij werden gedood. Na dit bloedbad voer de prauw van Soera-pati de rivier op; of hij zich aan boord bevond, is Mohamad Taib niet bekend. Na te hebben onderzocht, of zich nog iemand van de ONRUST in leven bevond, en na zich te hebben overtuigd, dat allen waren omgekomen, vertrok Mohamad Taib in dezelfde avond naar Banjermassing.
Volgens zijn verklaring moeten op de 26e en 27e december de vuren onder de ketels der ONRUST nog aan zijn geweest en zou de luitenant Bangert hem hebben doen opmerken, dat men daardoor in een ogenblik strijdvaardig was. Hij weet echter niet, of tijdens de overrompeling van het schip de vuren nog brandden; hij meent als toen de schoorsteen niet te hebben zien roken.
Het wel gelukken van de stoute aanval, op de ONRUST, geeft reeds, door het verlies van zoveel mensenlevens, een slechte indruk, door het vertrouwen, dat de muiters daardoor op hunne krachten krijgen; zij hebben dan ook in hun overmoed niet nagelaten, om onmiddellijk naar de Kapoeas rivier te vertrekken, om hetzelfde lot te doen ondergaan aan de aldaar gestationeerde gouvernement sleper KAPT. VAN OS, kamd. (opm: waarschijnlijk wordt bedoeld kommandant) W. Glazer, doch deze heeft, met 18 soldaten die hij aan boord had, hen flink ontvangen en met een goed onderhouden vuur een vreselijke slachting onder deze overmoedigen aangericht; vele doden en geblesseerden zijn bij deze aanval onder hen gebleven; bovendien heeft hij de voorzichtigheid gehad zijn vuren aan te houden en naar Poeloe Petak terug te stomen. Kapt. Glazer moet in deze een buitengewone moed aan de dag gelegd hebben. Behalve het afslaan van de vijand, heeft hij ter voorkoming van een mogelijke nachtelijke overval zijn de hem toevertrouwde manschappen niet durven blootstellen en is wijselijk teruggetrokken. Zr.Ms. stoomschip MONTRADO is dadelijk bij het ontvangen van bovenstaande tijding met 100 man pas aangebrachte troepen en goed voorzien van artillerie, hiervoor expres van Martapoera ontboden, en enige veldstukken de Doessoen opgestoomd om, na hun makkers bloedig gewroken te hebben, te trachten de ONRUST nog vlot te krijgen. (opm: zie NRC 120660 en 270161)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 januari. Vrachten. Toenemende vraag voor China heeft gunstig op de algemene koers van scheepsvrachten gewerkt, en heeft dezelve op dit ogenblik naar Nederland weder een sedert augustus 1858 ongekende hoogte bereikt.
De volgende charters werden afgesloten, als: JOHANNES LODEWIJK tot NLG 60 voor suiker, NLG 70 voor arak, NLG 50 voor tabak en NLG 30 voor tin op Soerabaija te laden naar Rotterdam; HENDRINA NLG 67,50 voor suiker, NLG 80 voor arak op Cheribon en Soerabaija te laden voor Rotterdam.
Door de Factorij der Nederlandsche Handel-Maatschappij werden opgenomen: CHERIBON NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor thee en NLG 35 voor kopergeld, hier en te Cheribon te laden naar Rotterdam; S. VAN HEEL NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor thee, NLG 35 voor kopergeld en NLG 30 voor tin, hier te Tagal en Pecalongan te laden naar Rotterdam.
Nog werd naar Nederland particulier bevracht METALEN KRUIS tot NLG 70 voor suiker en NLG 65 voor tabak, op Cheribon en Pekalongan te laden naar Amsterdam.
Naar China kwam de volgende charter tot stand: HENRIËTTE $ 0,50 voor rijst naar Hongkong hier in te nemen. EDWARD EN JULIE (Belg) werd te Singapore gecharterd tot GBP 3 naar Engeland of GBP 3/10 naar het vasteland.
De volgende schepen zijn nog onbevracht: SUMATRA, DE AMSTEL, GRAAF DIRK III, HOLLANDIA, JACOB, SCHOON VERBOND, NOVA ZEMBLA, HEILIGE VINCENTIUS DE PAULO, en A.R. FALCK.
Met kustreizen zijn nog bezig: WELVAART, IJSSEL, DERKINA TITIA, HELMERS, JAN PIETERSZOON KOEN.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 maart. Het schip (opm: kof) AEOLUS, kapt. A.M. Schaafsma, van Newcastle naar Odessa, is, volgens telegrafisch bericht van Constantinopel (opm: Istanbul), verongelukt, doch het volk door een Oostenrijks schip gered (opm: zie NRC 250360).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 13 maart. De van hier met een lading tarwe naar Portugal vertrokken Nederlandse schoener GOEDE BEDOELING, kapt. Nevels, is gisteren lek uit zee teruggekomen en lost de lading om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 13 maart. De te Soerabaija uit zee geretourneerde Nederlandse schepen NEÊRLANDS KONINGIN en E.W. VAN DAM VAN ISSELT zijn zwaar lek.


16 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Het Nederlandse schip CORNELIA MATHILDA, kapt. Snoey, 13 januari van Schiedam te Samarang gearriveerd, is van daar op hier bevracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 maart. De Engelse stoomboot RUSSIAN, van Hull op hier bestemd, is gisteren tussen Bath en Welshoorn (opm: vermoedelijk Walsoorden) aan de grond geraakt en is door midden gebroken. Men is druk bezig met de boel te bergen. Het schip zal waarschijnlijk weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Filey, 13 maart. De Belgische sloep RAPID, kapt. Fourney, van Brugge naar Leith, is alhier gestrand. Men lost de lading, in de hoop het schip vlot te krijgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 24 januari. Het alhier van Batavia gearriveerde Nederlandse schip (opm: clipper) BELLONA, kapt. J.O. Kluin, heeft in de Chinesche Zee een geheel stel zeilen verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Hellevoetsluis. Ten overstaan van de te Hellevoetsluis gevestigde notaris H.K. Vlielander, zal op maandag de 2e april 1860, des namiddags ten één ure, ten huize van de logementhouder N.J. Kruijskamp, te Hellevoetsluis, publiek om contant geld worden verkocht een Frans brikschip, COMMERCE D’AMIENS genaamd, groot ongeveer 148 ton, met en benevens deszelfs inventaris. Nader informatie te bekomen bij de heer Tenckinck, burgemeester te Hellevoetsluis, en ten kantore van voornoemde notaris.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. Horat Albarda, notaris te Leeuwarden, zal op donderdagen 22 maart 1860 en de 5 april 1860, telkens des namiddags 6 uur, ten huize van R.J. Brouwer in het Schippershuis op het Vliet te Leeuwarden, provisioneel en finaal verkopen: een overdekte gewegerde Tjalk, genaamd de VROUW HENDRIKA, groot 29 ton, met deszelfs aan- en toebehoren, zodanig deszelve bevaren wordt de weduwe Gerrit Wouters van der Veen en van maandag 19 maart af zal liggen in de gracht nabij het Vliet.
Te aanvaarden daags na de finale toewijzing. Condities te vernemen ten kantore van de notaris.
(opm: LC 230360 meldt dat is geboden NLG 626)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Kofschip, groot 21 ton, oud 4 jaar, met inventaris 2 jaar oud. Te bevragen bij E.T. van der Wal te Grouw en bij Jan E. Hoekstra, beurtschipper te Bakkeveen.


17 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 22 schepen:
Voor Rotterdam: VAN OLDENBARNEVELD, kapt. C.L.Torby Daniel (opm: fregat OLDENBARNEVELD, kapt. C.L. Torley Duwell); GERARDUS JACOBUS, kapt. J.J. Kilian; JAN VAN BRAKEL, kapt. C. Verhey, Rz; NOVA ZEMBLA, kapt. A.J.B. Hordijk; VALPARAISO, kapt. E.J. Kok; FOP SMIT, kapt. L. Hoefman.
Voor Amsterdam: AMSTERDAM, kapt. A.H. Wehdemeijer; MARIA VERONICA, kapt. T. Mulder; ZAANSTROOM, kapt. R.L. Schaap; AMERIKA, kapt. P.L. Zeeman; PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. C.C. de Wit; PETRONELLA CATHARINA, kapt. C.H. van Veen; WALVISCH, kapt. T. Schut; LOEVESTEIJN, kapt. C. Vonck; HOLLANDIA, kapt. P. Wap; IJSSEL, kapt. C. Maarschalk; SOPHIA AMALIA, kapt. C. van Veen.
Voor Dordrecht: IDA WILHELMINA, kapt. B.P. van Weyland; BIESBOSCH, kapt. J.H. Mugge; JUNO, kapt. W.J. Chevalier; SUMATRA, kapt. R. Grivel.
Voor Schiedam: STAD SCHIEDAM, kapt. F. Wulp.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 maart. Volgens brief van kapt. C.A. Kruisinga, voerende het schip (opm: bark) BOSPHORUS, van hier te Singapore aangekomen, in dato 5 februari, had hij op de reis aanhoudend slecht weder en op 16º Z.B. en 95º O.L. een orkaan doorgestaan, waardoor de langszalings van de masten, benevens het ezelshoofd van de kluiverboom dwars af waren gebroken en meer andere, doch onbelangrijke, schade was veroorzaakt. Van Batavia vertrekkende, had hij de Carimatta-Passage (opm: Straat Karimata) gekozen en die in twee dagen bereikt; door harde Z.O. stormen en tegenwind kwam men weinig voort en op de 18e januari tussen Carimatta-eiland (opm: Karimata-eiland) en de kust van Borneo opwerkende, met één man aan het lood en één man op de uitkijk in de voortop, bleef het schip plotseling vastzitten, zonder te stoten, niettegenstaande men even te voren met 10 vademen geen grond loodde; men had juist gewend, er werd bevonden, dat het schip op een blinde klip, die niet op de kaart is aangetekend, was vastgeraakt, doch door manoeuvreren met de zeilen, geraakte het spoedig in vlot water. Verder vooruit zag men nog enige witte blinde klippen meer onder water, zonder enige rafeling of verkleuring van de zee te kunnen bespeuren. Op de klip waarop de BOSPHORUS was vastgeraakt, stond 12 à 13 voet water; deze klippen liggen N.O. 1 m. van Carimatta-eiland en zijn zeer gevaarlijk voor diepgaande schepen. Niettegenstaande bij het afdeinzen het schip nog twee malen gestoten had, was het geheel dicht gebleven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 14 maart. De onlangs op de hoogte van Kijkduin gestrande schoener CÉLESTINE, met steenkolen geladen, is heden met goed gevolg afgebracht en alhier binnengesleept; het schip is dicht gebleven.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 15 maart. Binnengekomen KOSMOPOLIET, kapt. J. Bouten, van Batavia naar Rotterdam; STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht; SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN, kapt. L. Klein, van Batavia naar Rotterdam.


18 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, … maart. Het schip de HOOP, kapt. Mannekes (opm: schoener, kapt. J. Manneken), van St. Ubes (opm: Setubal) naar Vlaardingen, is alhier met schade aan tuig en verlies van verschansingen binnengelopen.


19 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 maart. Uit Oude Pekela wordt geschreven, dat, ofschoon het jaar 1859 bijzonder rampspoedig was door het grote verlies van schepen en de ongunstige stand van de vaart, de lust voor de scheepvaart nog niet is uitgedoofd. Immers zijn in de laatste 14 dagen bijna al de op stapel staande schepen te Pekela verkocht en ziet men thans weer nieuwe kielen leggen, zodat de stilstand door matige bedrijvigheid zal worden vervangen.


20 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Eerstdaags wordt te Nieuwediep van Amsterdam verwacht Zr.Ms. stoomschip HECTOR, om tegen de helft der volgende maand in dienst te worden gesteld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Aangaande de Nederlandse schepen JACOBA GEZINA (opm: schoener), kapt. A.A. de Groot, ROELFINA ROELINA, kapt. Lula (opm: kof, kapt. J.J. Lula, zie NRC 260560) en PHOEBUS, kapt. Ketelaar (opm: kof, kapt. C.W. Ketelaar) de beide eerste 2 november van de Sulina naar Falmouth en de laatst 28 november van Kopenhagen naar Engeland vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Ten eersten male gedagvaard:
Jan Kappen van der Werf, stuurman, laatst gewoond hebbende te Harlingen, doch thans afwezig en diensgevolgs mijn exploit doende bij aanplakking aan de voorname deur der vergaderplaats van de Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden, terwijl gelijkluidend exploit is geschied en aangeplakt geworden aan het gemeentehuis te Harlingen en door mij deurwaarder afschrift is gelaten van dit exploit, als ook het vonnis, houdende verlof tot het doen dezer dagvaarding, aan de heer officier van justitie bij meergenoemde rechtbank, welke mijn origineel exploit met gezien heeft getekend en voorts nog bij plaatsing in de Nederlandsche Staats Courant en de Leeuwarder Courant, als daartoe speciaal aangewezen, om, na verloop van een termijn van drie maanden na heden en alzo op dinsdag de zesentwintigste juni 1800 zestig, de voor de middag ten tien uren precies, bij voorafgestelde procureur te verschijnen ter terechtzitting der Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden, zitting houdende in het Paleis van Justitie aldaar, ten einde:
Aangezien gedaagde op de 8e oktober 1855 als stuurman op het Nederlands Kofschip de NEPTUNUS, schipper Jan H. Kappen, van Newcastle is vertrokken naar Harlingen met een lading steenkolen, zonder bij zijn vertrek een volmacht te hebben achtergelaten of order te hebben gesteld op het beheer zijner zaken;
Aangezien gedaagde echter met dat schip aldaar niet is aangekomen en er sedert die tijd nimmer enig bericht is ingekomen van hetzelve en deszelfs equipage (opm: zie NRC 281255);
Aangezien gedaagde alzo waarschijnlijk bij die gelegenheid in de golven is omgekomen;
Aangezien gedaagde er sedert dien datum meer dan drie jaren zijn verlopen, zonder dat enig bewijs is ingekomen van deszelfs aanwezen of overlijden;
Aangezien de eisers als erfgenamen naar de wet van gedaagde er belang bij hebben, dat bij vonnis der rechtbank worde verklaard dat er rechtsvermoedens van het overlijden van gedaagde bestaat sedert 8 oktober 1855;
Alsdan aan gemelde rechtbank, hetzij in persoon hetzij door iemand zijnentwege, van zijn aanwezen te doen geblijken, met aanzegging, dat indien noch gedaagde noch iemand zijnentwege bij voorafgestelde procureur mocht opkomen, en alzo niet behoorlijk van zijn aanwezen mocht geblijken, door mijne requiranten zal worden geconcludeerd, dat hun daarvan zal worden verleend akte en tevens verlof tot het doen ener dergelijke tweede dagvaarding.
De kosten zijn buiten de zegels NLG 3,65½.
S. Posthumus
Exploit. NLG 0,75
Schrijf. NLG 1,20
Aanpl. NLG 0,80
Visa NLG 0,80
Registr. NLG 1,10½
NLG 3,65½ (opm: NLG 4,65½ is de juiste optelling)
Gezien bij mij officier bij de Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden den 17 maart 1860.
J. Herman Albarda.
Subs.
Geregistreerd te Leeuwarden 17 maart 1800 zestig, deel 42, folio 48, rectovak 6, twee bladen, een renvooi.
Ontvangen voor Recht. NLG 0,80, voor 88 opcenten NLG 0,30½, te samen een gulden tien eentweede cent.
De ontvanger, Van Nooten


21 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 19 maart. Naar men verneemt, wordt Zr.Ms. stoomschip BROMO niet met de 1e april, zoals vroeger het plan was, in dienst gesteld. Gebrek aan matrozen schijnt de oorzaak te zijn, dat de indienststelling van deze bodem is uitgesteld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkoping op dinsdag 20 maart 1860 in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam: het Nederlandse barkschip GENERAAL MICHIELS, groot 207 lasten, om NLG 15.500 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 19 maart. Kapt. J.J. Prange, voerende het schip (opm: bark) OTTOLINA, van Java alhier binnen, rapporteert dat hij in de morgen van 16 maart, buiten de Hoofden (opm: Nauw van Calais), N-Voorland (opm: North Foreland) in peiling N.t.W, in aanzeiling is geweest met de Engelse schoener JANE, kapt. Beale, van Londen met guano naar Duinkerken bestemd. Bij deze aanzeiling zijn twee personen bij hem aan boord overgesprongen en alhier aangebracht, zijnde Samuel Marshalsen, stuurman, en Robert den Man, matroos, beiden van Weymouth. Volgens mening van die twee personen en de wachthebbende equipage zal de schoener gezonken zijn. Aan boord bevonden zich nog de kapitein en twee man.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 maart. Het schip ANNA ELISABETH, kapt. Schrikkema, van Cette (opm: Sète) herwaarts gedestineerd, op de zuidwal bij Texel gestrand, is weer af en gisteren alhier in het Oosterdok gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 17 maart. De Nederlandse tjalk TWEE KINDEREN JAN EN TRIENTJE, kapt. van der Meulen (opm: mogelijk TWEE KINDEREN JAN EN TRIJNTJE, kapt. J. van der Molen), van Zutphen naar Hamburg, is wegens ijsgang en stormweer en met verlies van anker en ketting in Nieuw Harlingerzijl (opm: Neuharlingersiel) binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 15 maart. De stoomboot WILLEM III, kapt. Zwart, van Amsterdam naar Kopenhagen en Dantzig (opm: Gdansk), is alhier wegens ijsgang binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Het schip (opm: bark) PER ASPERA AD ASTRA, kapt. J. Admiraal, is met schade uit zee teruggekeerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als lasthebbende van hun meesters, zijn van mening, op dinsdag de 3e april 1860, des middags ten twaalf ure, in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het in den jare 1855 gebouwd snelzeilend Nederlands gekoperd en kopervast barkschip VLAARDINGEN, gevoerd geweest door kapt. M.S. van Dusseldorp, volgens meetbrief lang 40 el 15 duim, wijd 6 el 80 duim, hol 5 el 63 duim, en alzo groot 683 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende te Alblasserdam aan de werf van de heer J. Smit Corns.zn. Nog zal afzonderlijk worden geveild een chronometer.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Een sleepboot op zeer aannemelijke voorwaarden te koop, bouw hecht en sterk. Lengte, 300 voeten, (opm: dit moet een drukfout zijn) bij een breedte tussen de raderkasten van 13 voeten, diepgang 3½ voet, met 200 ctr. (opm: centenaar, dwz 100 kg), kolen aan boord, Engelse maat. De machine, vervaardigd in de fabriek van de heer Penn te Greenwich, is van 40 paardekracht, lage drukking.
Gegadigden gelieven zich te adresseren te Rotterdam, aan J.P. de Cock.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 20 maart. Binnengekomen de 17e dezer DUIVELAND, kapt. H. Hagers, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND binnendoor van Hellevoetsluis.
De 18e dito OTTOLINA, kapt. J.J. Prange; PADANG, kapt. M.W. Zwart; BORNEO, kapt. D. van Amerongen qq, de laatsten van Batavia, allen naar Rotterdam.


22 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 20 maart. Gisteren nacht is het Engelse barkschip EMMA, kapt. Gibson, van Londen in ballast naar Cardiff bestemd, gestrand, vermoedelijk op de Vlaamsche Banken. De equipage is door een visser gered, behalve twee man, die met een sloep te Ouddorp zijn aangekomen en die mede rapporteren, dat ten noordwesten van hen te gelijk gestrand is de Oostenrijkse bark ANNA MARIA, waarbij twee vissloepen tot adsistentie waren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 maart. Het schip (opm: schoener) MARTINA ADRIANA, kapt. L. van ’t Hoff, is volgens brief van de kapitein in dato Gallipoli de 7e maart, de 20e februari aldaar van Napels aangekomen. Het had in een storm een anker verloren en door driftig worden schade bekomen, doch zou medio maart de reis naar Falmouth aannemen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 maart. Het alhier van Triëst gearriveerde Nederlandse schip (opm: schoener) DE ZEVEN STERREN, kapt. Hulzinga (opm: mogelijk D. Hulsinga), heeft schade.


23 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Op de 22e dezer is Zr.Ms. schoefstoom-flotillevaartuig HAARLEMMERMEER van ’s Rijks werf te Vlissingen met het beste gevolg te water gelaten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 20 maart. Het Nederlandse schip (opm: fregat) BATO, kapt. W.F. Broeksmit, van Dordrecht naar Cardiff, dat voor enige dagen alhier binnenliep om een nieuwe fokkera op te brengen, ligt thans zeilklaar te Spithead.
Gisterenavond had aan boord van deze bodem een treurig ongeluk plaats. Terwijl het reeds geheel duister was, waren nog enigen van het volk in het achterruim bezig en stond kapt. Broeksmit daarnaar te kijken. Door een of ander toeval sloeg hij voorover en viel van een hoogte van ca. 20 voet met het hoofd op enige vaten. Onmiddellijk werd hij bewusteloos naar de kajuit gebracht en terwijl de scheepsdokter aldaar de wonde verbond, werd inmiddels nog andere geneeskundige hulp ingeroepen, die dan ook weldra in de persoon van een van onze eerste doktoren verschenen. Het hoofd van de lijder is zwaar gekwetst en men twijfelt aan zijn herstel. (opm: kapt. Willem Fredrik Broeksmit ging niet meer aan de vaart en overleed in maart 1862)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een scheepstimmerknecht kan van stonden aan werk bekomen bij O.L. Lantinga te IJlst.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal op woensdag de 4e april 1860, des voormiddag 9 uur, ten verzoeke van Jhr. van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe geautoriseerd door heren eigenaars en assuradeurs, ten huize van J. E. Visser te Hollum op Ameland, publiek, tegen gereed geld, verkopen: 200 balen ongesponnen katoen (Cotton Wool) en een partijtje losse dito, 29 vaten rijst en een vat potasch, alles zwaar door zeewater beschadigd, 29 vaten harst (opm: hars of pek) en een partijtje verfhout (Log Wood), uitmakende het beschadigd geborgen gedeelte der lading van het op de reis van New York naar Leer op 5 maart l.l. op Ameland gestrande Noordse barkschip, genaamd ATTERDAG, gevoerd geweest bij kapitein D. Erichsen.
Des daags voor de verkoop bestaat er te Holwerd de gelegenheid tot overvaart, des morgens en des avond, telkens ten 7½ uur.


24 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 22 maart. Het Nederlandse barkschip MARIA EN PAULINA, kapt. J.H. van Thiel Berghuis, in de Blaauwe Slenk alhier ten anker liggende, is in de storm van gisteren zwaar lek geworden en heeft het spil gebroken. Men zal dus onze haven moeten binnenkomen om te lossen en te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 17 maart. De lading van het schip ATTERDAG, kapt. Erichsen, van New York naar Leer, op Bornrif gestrand, is voor het grootste gedeelte geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijdregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als lasthebbenden van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 17e april 1860, des middags ten twaalf ure, in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen de navolgende Nederlandse schepen:
- Het in den jare 1853 nieuw gebouwde kofschip ZEEMEEUW, gevoerd door kapt. L. Kruithof, volgens meetbrief lang 19 el 50 duim, wijd 3 el 64 duim, hol 1 el 92 duim, en alzo groot 61 tonnen.
- Het gezinkte tjalkschip COURIER, gevoerd door kapt. P. van der Stolk, volgens meetbrief lang 20 el 10 duim, wijd 3 el 64 duim, hol 1 el, 50 duim, en alzo groot 49 tonnen.
Met al derzelver rondhout, staand en lopend want, ankers kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals die zijn liggende in de Scheepmakershaven te Rotterdam.
De voorschreven schepen zijn inmiddels uit de hand te koop en te bevragen bij bovengemelde makelaars en de heren Johs. Ooms E. Zoon & Co, cargadoors te Rotterdam.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars J.R. Bos Janszen en G. Luber te Amsterdam, zullen op dinsdag de 10e april eerstkomende, des avonds ten 6 ure precies, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam aan de meestbiedenden of hoogstmijnenden verkopen: een extraordinair welbezeild gezinkt Schoener-hoekerschip, genaamd CORONIE, varende onder Nederlandse vlag, laatst gevoerd door kapt. E. Mos, groot volgens Nederlandse meetbrief lang 22,40 el, wijd 4,73 el, hol 2,85 el, en alzo gemeten op 134 tonnen of 71 lasten. Ligplaats aan de Oosterdoksdijk te Amsterdam. Nadere informaties bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Van der Wouden & Luber.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 21 maart. Binnengekomen: CATHARINA MARIA, kapt. J.A. Ballot, van Batavia naar Middelburg.
Brouwershaven, 22 maart. Binnengekomen: DOELWIJK, kapt. K.J. Swart, van Batavia naar Rotterdam; STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.

NRC 250360
Rotterdam, 24 maart. Krachtens Zr.Ms. besluit van de 21e dezer wordt het schroefstoom-flotillevaartuig HECTOR, thans liggende te Amsterdam, doch hetwelk naar Willemsoord zal worden overgevoerd, met de 16e april aanstaande in dienst gesteld en het bevel daarover opgedragen aan de luit.t.zee 1e klasse P.M. van der Haak.


25 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 22 maart. Het Nederlandse schip (opm: brik) JOHANNES HERMANUS, kapt. J.B.Wijgers, van Liverpool naar Trinidad, is alhier met verlies van zeilen binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Konstantinopel (opm: Istanbul), 12 maart. Met het Oostenrijkse barkschip VICE TONE, kapt. Smaich, werd heden alhier aangebracht kapt. A.M. Schaafsma en verdere bemanning van de te Harlingen te huis behorende schoenerkof AEOLUS, welke bodem op de reis van Newcastle naar Odessa op de hoogte van Kaap Saint-Ange (opm: vermoedelijk nabij Istanbul) gezonken is. Kapt. Schaafsma roemt zeer de moed en onverschrokkenheid van kapt. Smaich en zijn equipage, die hen met hun eigen boot in een hevige storm van het zinkende wrak afgehaald hebben en zodoende de voldoening mochten smaken, zeven mensen van een wisse dood te redden, daar de AEOLUS onmiddellijk nadat men van boord was, zonk. (Kortelijk in ons nommer van 15 dezer gemeld.)


26 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 24 maart. De Nederlandse kof JOHANNA, kapt. Drent (opm: K.J. Drent, mogelijk afgelost door kapt. K.H. Meyer), van Antwerpen naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is op de Scaw (opm: Skagen) gestrand. Men hoopt de lading te redden. (opm: zie NRC 290360)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 17 maart. Van de lading uit het schip ATTERDAG, kapt. Erichson, van New York naar Leer, op het Bornrif gestrand, zijn geborgen: 200 balen en een partij losse katoen, 29 vaten rijst, 1 vat potas, 29 vaten harst en een partij verfhout, hetgeen alles zwaar beschadigd is en op de 4e april alhier verkocht zal worden.


27 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op maandag 26 maart in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
- Nederlands barkschip WILHELMINA CATHARINA, groot 735 tonnen, om NLG 40.200 verkocht.
- Een chronometer om NLG 130 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Blijkens de op heden van China ontvangen berichten is het alhier te huis behorende schip PRINCES CHARLOTTE, kapt. Hille, de 31e januari van Shanghai naar Japan vertrokken. Het bericht uit Shanghai, d.d. 21 januari, nopens het vergaan van een schip, genaamd PRINCES CHARLOTTE, dat wij in ons nommer van 22 dezer mededeelden (opm: niet opgenomen), moet dus betrekking op een ander schip van die naam hebben of geheel vals zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Het Nederlandse schip (opm: bark) KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB, kapt. Zaek (opm: F.L. Zack), 23 januari van hier naar Rotterdam vertrokken, heeft de volgende dag zo hevig bij het eiland Hoorn gestoten, dat de loze kiel onmiddellijk verloren ging en het een lek bekwam. Het schip is 25 januari hier weer ter rede gekomen en moet geheel lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Het op 17 januari van Tjilatjap naar Rotterdam vertrokken Nederlandse barkschip PER ASPERA AD ASTRA, kapt. J. Admiraal, is zwaar lek te Banjoewangie binnengelopen en zal naar Soerabaja worden gesleept om aldaar te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Het Nederlandse schip (opm: fregat) STAATSRAAD BAUD, kapt. T. de Jong, van hier naar Nederland, 23 december met schade uit zee geretourneerd, is nagezien en daar de reparatiekosten de waarde van het schip te boven gingen, zo is het in publieke veiling verkocht. Het hol bedong NLG 2.500 en de inventaris NLG 6.400.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Het Nederlandse schip JAVA, kapt. Van Dam (opm: bark, kapt. S. Stikkel van Dam), van Pangool naar Amsterdam, 3 november met schade alhier teruggekomen, is afgekeurd en zal in de volgende maand verkocht worden (opm: zie NRC 020960). De lading zal in het schip A.R. FALCK overgescheept worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. De op 11 januari alhier geretourneerde Nederlands-Indische bark GENERAAL MICHIELS, kapt. De Wilde, van Passaroeang naar Nederland, heeft de lading gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 14 januari. Het Nederlandse schip DOGGERSBANK, kapt. P.J. Kerkhoven, is, door wind en stroom op drift geraakt, in aanraking gekomen met het Nederlands-Indische barkschip ASSAD DOELA, kapt. Intje Kassan, welk vaartuig daardoor zulk een schade onder de boeg heeft bekomen, dat het lek is geworden, terwijl de DOGGERSBANK zelf enige schade aan bakboordzijde heeft.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 14 januari. Het Nederlandse fregatschip De IJSSEL, kapt. Maarschalk, alhier aangekomen, heeft de reis van Batavia herwaarts in 55 uren afgelegd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. De 25e januari kwam alhier ter rede het Nederlandse schip ABEL TASMAN, gezagvoerder kapt. J. Rijken, aan boord hebbende een detachement suppletie troepen onder bevel van de kapitein van de artillerie Dekker, die van verlof terugkeerde en medegeleide van de 2e luitenants van de infanterie Juta en Kok. Onder het detachement, dat bij vertrek uit Nederland 100 onderofficieren en manschappen telde, was wellicht reeds in het vaderland het verfoeilijke plan gesmeed om het schip af te lopen. Zij hielden hun plan echter niet zo goed verborgen of de officieren merkten dra, dat er iets bijzonders onder hen gaande was, waarop de onderofficieren van de commandant de last ontvingen, zo mogelijk achter het geheim te komen. Een woordentwist tussen enige soldaten werd door de onderofficieren gehoord, en in hun drift lieten eerstgenoemden zich enige woorden ontvallen, die voor de commandant genoeg waren om een paar van hen in de boeien te zetten. Deze gingen de anderen verraden en weldra waren er dertien geboeid, terwijl nog twaalf overigen, bij gebrek aan boeien, hiervan bevrijd bleven, maar natuurlijkerwijs scherp in het oog werden gehouden. Schildwachten met geladen geweren bezetten, zodra het donker werd, het dek, de matrozen deden gewapend wacht en de officieren sliepen het grootste gedeelte van de reis gekleed. Een man van het detachement die eerst deel genomen had aan het afschuwelijke plan, maar naderhand berouw voelde en zich teruggetrokken had, is hoogst waarschijnlijk door de samengezworenen overboord geworpen; althans had men hem hiermede gedreigd en de volgende morgen werd hij vermist. De vijfentwintig schuldigen, Duitse en Franse Zwitsers, zijn de dag na aankomst alhier, toen de ontscheping plaats had, tussen de bajonetten naar de hoofdwacht gebracht, waar zij in verzekerde bewaring zijn. De commandant komt lof toe voor de wijze, waarop hij zich van zijn moeilijke taak heeft gekweten. Als een zeer aardig uitgedacht wapen hadden twee matrozen de wacht met een volle peperbus, om de eersten, die iets wilde beginnen, de ogen vol peper te strooien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Vrachten. Door meerdere vraag naar scheepsruimte voor China, zijn de vrachten enigszins verbeterd en kwamen sinds het jongste bericht de volgende transacties tot stand.
Nederlandse vlag: HENRIETTE $ 0,50 per picol voor rijst naar Hongkong; JOHANNES LODEWIJK NLG 60 voor suiker, NLG 70 voor tabak, NLG 30 voor tin naar Rotterdam; HENDRINA NLG 67,50 voor suiker, NLG 80 voor arak naar Rotterdam; CHERIBON NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor thee naar Rotterdam; S. VAN HEEL NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor thee, NLG 35 voor koper en NLG 30 voor tin naar Rotterdam; HERMAN $ 0,50 per picol voor rijst naar Hongkong; METALEN KRUIS NLG voor suiker en NLG 65 voor tabak naar Amsterdam; AMICITIA $ 0,42½ per picol rijst naar Hongkong; ZEPHIR laadt voor rederij-rekening; H. VINCENTIUS VAN PAULO NLG 70 voor suiker naar Rotterdam; GRAAF DIRK III NLG 70 voor suiker naar Nederland; A.R. FALCK NLG 70 naar Amsterdam; IDA ELISABETH NLG 70 naar Amsterdam.
Zonder bestemming zijn de volgende Nederlandse schepen, als SUMATRA, HOLLANDIA, AMSTEL, JACOB, SCHOON VERBOND, NOVA ZEMBLA, ABEL TASMAN, WILHELMINA EN CLARA en OCEAAN.
Op de kust geëmployeerd: WELVAART, IJSSEL, DERKINA TITIA, HELMERS en JAN PIETERSZ KOEN.
Het Hamburgse schip HERSCHEL wordt te koop aangeboden.


28 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 22 maart. De Nederlandse kof ROSINE, kapt. De Vries, in ballast van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) komende, heeft op Larsoe gestoten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjörring, 23 maart. De galjoot CATHARINA, kapt. Schumacher (opm: vermoedelijk buitenlander), van Elsfleth naar Libau (opm: Liepaja), is op Hornestrand gestrand en wrak geworden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 25 maart. De Nederlandse schoener (opm: schoenerkof) GRIETJE WEEMHOFF, kapt. H.H. Pot, van Newcastle naar Marseille, is 19 dezer ten oosten van onze baai gezonken. (opm: zie NRC 060460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 31 januari. Het Nederlandse schip DELFSHAVEN is, naar men zegt, op het punt van afgekeurd te worden, zijnde vervuurd. (opm: volgens de Java-Bode lag het schip eind oktober 1860 nog steeds ter rede van Soerabaija; zie echter JB 300161)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 26 maart. Binnengekomen de 25e maart. TWEE GEZUSTERS, kapt. P. Keuzekamp, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis. De 26e dito KRIMPENERWAARD, kapt. C. van Twist qq, van Batavia naar Rotterdam. De 24e dito uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


Krant:

  JB - Javabode

De wd. hoofd-administrateur van de marine maakt bekend, dat op een nader te bepalen datum in de tweede helft van de maand april aanstaande bij 's Lands marine-établissement te Soerabaija publiek aan de meestbiedende zullen verkocht worden Zr.Ms. voor de dienst afgekeurd transportschip MERWEDE en de schoenerbrik SYLPH, zoals die bodems alsdan aldaar zijn liggende.
Nadere informatiën zijn te bekomen bij de directeur van voormelde inrichtingen, waar de schepen, uitgezonderd zon- en feestdagen, dagelijks te bezichtigen zijn. (opm: er voer in de zomer van 1860 een Nederlands-Indische koopvaardijbrik SYLPH; hetzelfde schip?)


29 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Makkum, 27 maart. Hedenmorgen is tegen de Makkumer Waard gelopen en na gestoten te hebben, gezonken het Hanovers schip THEODOR, kapt. Popken, komende van Amsterdam en bestemd naar Hamburg, De bemanning, kapitein en stuurman, is er afgehaald en hier aangekomen. Van de lading, bestaande uit verfhout, pijpaarde en wijn, zal niet veel geborgen kunnen worden. (opm: zie LC 130460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brännö, 22 maart. Het Nederlands schip CHRISTINA WUBBEGINA (opm: hektjalk CHRISTINA WOBBEGINA), kapt. B.J. van der Werp, van Holmstad met granen naar Londen, is 18 dezer tussen Vinga en Buskar in het ijs bezet geraakt en het mocht eerst gisteren namiddag gelukken het schip in Fotö binnen te brengen. Het vaartuig is lek, heeft nog andere schade bekomen en zal moeten lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Skagen, 22 maart. De opvarenden, waaronder zich ook des kapiteins vrouw en kind bevinden, van de alhier gestrande Nederlandse kof JOHANNA, kapt. Drent, van Antwerpen naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) – zie ons nommer van 26 dezer – zijn gered. Het schip zal hoogstwaarschijnlijk weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Strömstad, 19 maart. De Nederlandse kof NEWA, kapt. H.H. Kok, van Harlingen naar Christiana (opm: Christiania, sinds 1925 Oslo), is 17 dezer bij Halsö, 2 of 3 mijlen ten zuiden van hier gestrand. De bemanning is gered. Het schip zit vol water en is wrak. Men tracht de fleet (opm: vleet, d.w.z. zeilen incl. staand en lopend tuig) te bergen. Of er iets van de lading zal gered worden, hangt geheel van het weder af.


30 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijdregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 17e april 1860, des middags ten half één ure, in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het in den jare 1857 gebouwd, snelzeilend Nederlands gekoperd en kopervast fregatschip KAREL HENRICUS, gevoerd door kapt. A. van der Geer, volgens meetbrief lang 40 el 30 duim, wijd 7 el 54 duim, hol 5 el 54 duim, en alzo groot 748 tonnen of 395 lasten; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. Voorts zal nog afzonderlijk geveild worden een chronometer.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Er wordt verlangd een welbevaren schippersknecht bij A.H. van der Vliet te Marssum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Burgemeesters en Wethouders van Bolsward, gedenken aan de meestbiedende in het openbaar te verpachten: het Stads Trekschip, bestemd voor de dienst van het Trekveer tussen Bolsward en Workum vice versa, met het bevaren en het genot der opbrengsten, over het tijdvak, lopende van 12 mei 1860 tot 12 mei 1861.
Wie hieraan gading maken, komen op woensdag de 4e april e.k, des voor de middags te elf ure, ten Raadhuize dezer gemeente, alwaar de voorwaarden der verpachting van heden af voor de belanghebbenden ter lezing liggen.
Voorts wordt bekend gemaakt, dat, ingevolge gemaakte bepaling, de dienst zodanig is gewijzigd, dat de verplichte beurten, in plaats door twee, voortaan door één schip moeten worden vervuld.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
H.M. Ament, burgemeester
S.W. Fennema, secretaris
Bolsward, den 17 maart 1860


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G. Zandstra te Balk zal op donderdag de 5e april 1860, des namiddags 4 uur, ten huize van S.H. de Jager, in het logement de Wildeman te Lemmer, tegen uitloving van strijk- en verhoog geld, in het openbaar veilen en des avonds 7 uur van denzelfden dag aldaar finaal verkopen: de ijzeren stoomboot, LUIT. ADM. TJERK HIDDES, groot 41 ton, thans liggende te Lemmer, vroeger gevaren hebbende tussen Lemmer en Stroobos, in verband met de Zeeboot op Amsterdam; acht dagen na de toewijzing of eerder te aanvaarden. Condities te vernemen ten kantore van genoemde notaris.


31 maart 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare en definitieve verkoping te Antwerpen van twee prachtige ijzeren schroefstoomboten:
- SOUTHAMPTON, vroeger BELGIQUE, gebouwd in 1856, metende 1501 tonnen Belgische maat en van 366 paardenkracht.
- PRINCESS CHARLOTTE, vroeger CONSTITUTION, gebouwd in 1856, metende 1474 tonnen, Belgische maat en van 366 paardenkracht.
Met de voorwerpen de inventaris uitmakende, behorende tot het actief van de Transatlantische Stoomboot-Maatschappij tussen Antwerpen en New York; op woensdag 9 mei 1860, 's namiddags ten 2 ure, door de griffier van de Rechtbank van Koophandel te Antwerpen. Men adressere zich te Antwerpen aan de heren De Kinder en Van der Spiet, de advocaat-curatoren ten deze.


01 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Maandelijkse stoombootdienst van Rotterdam op Triëst en tussenliggende havens, met het stoomschip TRIESTE (opm: TRIËST) en twee stoomschepen van de stoomvaart-vereniging De Maas. Het stoomschip TRIESTE, kapt. Buijs, vertrekt de 15e april. Adres: Reuchlin, Moll & Dutilh alhier, Van der Beij & Co, Amsterdam en P.J. van der Schrieck & Co, Antwerpen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart-Vereniging De Maas. Het stoomschip ROTTERDAM, kapt. K.J. Klasen, vertrekt woensdag 11 april naar Marseille, Genua Livorno, Napels, Messina en Palermo. Adres Boutmy & Co. - Johs. Ooms Ez. & Co.


03 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND werd gisteren op de gebruikelijke wijze in dienst gesteld. Commandant is kapt.t.zee H. Wipff.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. J.W. Quintus, notaris te Groningen, zullen op donderdag de 19e april 1860, des avond te 7 uur, ten huize van de kastelein J. Tiddens, in de Beurs te Groningen, publiek worden verkocht:
-1: De zeer neringrijke Winkelbehuizing. (opm: ingekort)
-2: 1/40 Aandeel in het Nederlandse brikschip JOAN JACOB, groot 202 tonnen, door kapitein Wilphorst laatstelijk bevaren.
-3: Een gelijk aandeel in hetzelfde schip.
-4: Een gelijk aandeel in hetzelfde schip.
Om te aanvaarden: perceel 1 de 1e mei 1860, de percelen 2,3 en 4 dadelijk na de toeslag. Te bezien perceel 1 daags vóór en op de verkoopdag, van 10 – 1 uur, tegen betaling van 10 cent, ten voordele van de armen dezer gemeente.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. L. Harmenzon, deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdag 5 april 1860, na de middag 6 uur, bij R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, provisioneel verkopen:
-1: een overdekt gewegerd Tjalkschip, genaamd de TWEE GEZUSTERS, geijkt op 25 tonnen, met daarbij behorende inventaris, en
-2: een overdekt Schuitescheepje, geijkt op 14 tonnen; beide met daarbij behorende inventaris, liggende op den verkoopdag ter bezichtiging in het Vliet, vóór gemeld Schippershuis.
(opm: volgens LC 100460 is geboden op kavel 2 NLG 230)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoop van het geoctrooieerde zeer gerenommeerde Veer en Schip van Sneek op de Lemmer vice-versa. De notaris K. de Jong Rz. te Wommels zal, ten verzoeke van de deurwaarder H.B. van der Wal te Sneek, op maandag de 16e april 1860, ’s avonds 7 uur, in het logement de Nieuwe Plantagie, ten huize van W.S. Wagenaar te Sneek, publiek bij strijk- en verhoog geld, provisioneel veilen:
Het boven omschreven snelzeilend (in 1855 nieuw gebouwd) schip, groot 32 ton, met deszelfs uitmuntende inventaris, breder bij biljetten omschreven; welk schip en veer blijkens algemene bekendheid een uitmuntend bestaan oplevert. Te aanvaarden dadelijk na de finale toewijzing.
(opm: LC 200460 meldt dat is geboden NLG 3.050)


04 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkoping op dinsdag 3 april 1860 in de Zaal op de hoek van de Scheepmakers- haven en Bierstraat te Rotterdam: de Nederlandse bark VLAARDINGEN, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris: verkocht voor NLG 52.700.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 18 februari. Het Nederlandse schip (opm: bark) FORTUNA, kapt. M. de Ligny, van Rotterdam naar Padang, is 25 januari met schade aan de grote mast in de Tafelbaai binnengelopen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 30 maart. Binnengekomen: SAMARANG, kapt. A.M. Swarts, van Batavia naar Rotterdam; PATRIARCH SAMHIRI, kapt. G.G. Lion, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis; NEDERWAARD, kapt. D. Kwakkelsteijn 31 dito LOUIS, kapt. J.P. Hessels qq., beide van Batavia naar Rotterdam; REIJERWAARD, kapt. W.J. Sablairolles qq., van Batavia naar Rotterdam; BOMMELERWAARD, kapt. F.A.H. Loos; 1 april, JAN SCHOUTEN, kapt. J. Coening Meijer, beide van Batavia naar Dordrecht.
31 Maart uitgezeild STAD DORDRECHT, kapt. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 26 maart. Heden vertrok van hier naar Samarang de Nederlands-Indische bark HERSCHEL, thans hernaamd MARIA HENRIETTE, kapt. J. Winter.


05 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 3 april. Volgens telegram uit Portsmouth van heden, is het Nederlands schip BATO, aldaar ter rede liggende, hedenmorgen door de bliksem getroffen. De schade was niet aanzienlijk en niemand van de bemanning was gekwetst.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 april. Volgens brief van kapt. Duinker, voerende het schip MENTOR, van Batavia herwaarts gedestineerd, in dato Nieuwe Diep, 3 april, had hij de 31e maart op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point) een hevige storm doorgestaan en twee stortzeeën overgekregen, die veel schade op het dek en aan de verschansing hadden veroorzaakt en waardoor enige dek- en lijf-houtnaden opengesprongen waren, zodat hij vreesde, dat door het ingedrongen water de lading beschadigd zou zijn. Overigens was het schip dicht gebleven en alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 25 maart. Met het Nederlandse schip (opm: schoener) MARIA SPES MEA, kapt. C.H. Vaalman, wordt heden alhier aangebracht de bemanning van de bark BARONET (opm: buitenlander), welke bodem op de reis van Liverpool naar Bona in de baai van Biscaye gezonken is.


06 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Het schip MARY,17 februari van St. Helena naar Amsterdam vertrokken, heeft het restant van de lading van het aldaar afgekeurde schip NEPTUNUS, kapt. P. Schuurman (opm: zie NRC 250160), van Batavia in.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Het schip (opm: brik) ALIDA, kapt. P.H. Kievit, van Liverpool te Buenos-Aires aangekomen, heeft de 29 januari aldaar, door aandrijving van het Sardinische schip VIRGINIA, belangrijke schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 april. Uit het bij de Makkumerwaard gezonken Hanoverse schip THEODOR, kapt. Poppen, van Amsterdam naar Hamburg, zijn drie okshoofden wijn, enige zeilen, touwwerk, anker en ketting geborgen. Het schip moet zo lek zijn, dat het afbrengen wel niet doenlijk zal wezen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De kapitein Wilkens en de equipage van het stoomschip RHÔNE zij langs deze weg de hartelijkste dank dank toegebracht voor hun edelmoedige zelfopoffering, door mij en mijn equipage, schipbreuk lijdende in de Middellandse Zee, 37º N.B. en 06º 50' O.L, met eigen levensgevaar te redden, ons op te nemen, liefdadig te verzorgen en te Rotterdam aan wal te brengen. Ook namens de equipage, kapt. H.H. Pot. (opm: kof GRIETJE WEEMHOFF, zie NRC 280360)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. L. Harmenzon, deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdagen de 12e april 1860 provisioneel, en de 19e april daaraanvolgende finaal, telkens ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, des namiddags 6 uur, tegen gerede betaling, verkopen: een hecht en sterk overdekt Kofscheepje, ingericht tot Potschip, genaamd de ONDERNEMING, geijkt op 27 tonnen, met deszelfs aan- en toebehoren, dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden. Te bezichtigen op de verkoopdagen in het Vliet, vóór gemeld Schippershuis.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden en bevaren Snikschip, liggende in het Gebuurte te Drachten, en te bevragen bij de eigenaar J.S. Zijlstra aldaar.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: de gerechte helft in een Schip en Veer, varende in de beurt van Leeuwarden op Gorredijk v.v.
Te bevragen bij D.S. Roorda te Leeuwarden; dadelijk te aanvaarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop van een overdekt gewegerd Schip. De notaris F.J. van Slooten te Anjum zal publiek, tegen genot van strijk en verhoog geld, op woensdag den 18 april 1860, des avond om 5 uur, ten huize van Lodewijk Sinnig, kastelein op de Vleesmarkt te Dokkum, presenteren te verkopen: Een, zo goed als nieuw, overdekt gewegerd Schip, met complete inventaris, groot 25 tonnen, liggende te Dokkum, voor het logement van L. Sinnig.
Te aanvaarden dadelijk na de toewijzing.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris F.J. van Slooten te Anjum zal publiek, tegen genot van strijk- en verhoog geld, op woensdag de 18e april 1860, des avond om 5 uur, ten huize van Lodewijk Sinnig, kastelein op de Vleesmarkt te Dokkum, presenteren te verkopen: een, zo goed als nieuw, overdekt gewegerd Schip, met complete inventaris, groot 25 tonnen, liggende te Dokkum, voor het logement van L. Sinnig.
Te aanvaarden dadelijk na de toewijzing.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wassenaar zal op woensdag de 18e april 1860, ‘s namiddags 5 uur precies, ten huize van kastelein Andringa te Wirdum, publiek, in één zitting, verkopen: het geoctrooieerd Veer van Wirdum op Leeuwarden en terug, met het daarbij behorende zeer geschikt Veerschip, zijnde een overdekt snikschip, HET FORTUIN genaamd, groot ruim 6 ton, met best zeil en verder complete inventaris, vrij schiphuis, onmiddellijk bij het dorp, uitmuntende handkar en verdere toe- en aanbehoren, zodanig als het een en ander thans nog wordt gebruikt en bevaren bij de eigenaar Tjipke S. Steegstra. Dagelijks te bezichtigen en te aanvaarden dadelijk na de toewijzing. Condities te vernemen ten kantore van de notaris voornoemd.


07 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. François Nicolaus Montauban van Swijdregt, Willem van Dam H.Hzn, Willem Hubertus Montauban van Swijndregt en Balthasar Constantyn Diederik Hanegraaff, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hun meester, zijn van mening, na gedane aangifte ingevolge de wet, op dinsdag de 17e april 1860, des middags ten twaalf ure, in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip BETSIJ, laatst gevoerd door kapt. J. Stoorvogel, in het voorjaar van 1856 het laatst hier te lande gearriveerd met een lading voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, volgens meetbrief lang 32 el 71 duim, wijd 5 el 33 duim, hol 3 el 99 duim, en alzo groot 163 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven te Rotterdam. Nadere onderrichting bij bovengemelde makelaars, de cargadoors Visser & Van der Sande te Dordrecht en Rotterdam en de makelaar A.C. Van Wageningen Jr, te Dordrecht.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 4 april. Uitgezeild: ALMA, kapt. H.W. Bowbyes, naar Newcastle.
5 Dito MARINUS WILLEM, kapt. P. van Duijn, naar Hartlepool.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 3 april. Binnengekomen: MARY en HILEGONDA, kapt. F.J.J. Bouman, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND binnendoor van Hellevoetsluis.
5 Dito STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.
4 Dito uitgezeild. DUIVELAND, kapt. H. Hagers, naar Batavia; HEBE, kapt. A.J. Kiehl, TWEE GEZUSTERS, kapt. P. Keuzekamp, MARY en HILLEGONDA, kapt. F.J.J. Bouman, alle drie naar Batavia.


08 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. Hedenmorgen is per stoomboot TELEGRAAF IV, kapt. Biesta, naar Antwerpen vertrokken Don Manuel de Carvallo, buitengewoon gezant en minister-plenipotentiaris (opm: gevolmachtigd minster) van de republiek Chili bij de hoven van Frankrijk en België, en gevolg.
De stoomboot voerde de vlag van de republiek van de top.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. Betreffende het sedert een geruime tijd met schade te Carthagena binnengelopen Nederlands schip AGATHA, kapt. Van Slooten, van Messina naar Antwerpen bestemd (opm: zie NRC 180160), verneemt men dat de lading geheel gelost is, maar dat tot op heden nog niets aan de reparatie gedaan is. Deze vertraging ontstaat, doordien kapt. van Slooten een proces tegen de gezagvoerder van het stoomschip MADRID, waar de AGATHA mede in aanzeiling is geweest, is begonnen en tot geen timmering wil overgaan voordat de rechtbank hem voldoening tegenover die kapitein heeft verschaft. Aangezien dit proces nog lang kan duren en de ontvangers van de lading daardoor zeer benadeeld worden, zo hebben deze een adres aan de Belgische minister van buitenlandse zaken gericht, opdat deze met de hem ten dienste staande middelen zorge, dat het geschil tussen de beide kapiteins ten spoedigste vereffend worde.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. Volgens brief van kapt. De Ligny, voerende het schip FORTUNA, van Rotterdam naar Padang, in dato Tafelbaai, 18 februari, was hij verplicht geweest tot herstel van de ten gevolge van doorgestane stormen geledene schade aldaar binnen te lopen, daar de grote mast gekraakt was, enige rondhouten gebroken en zeilen verloren gegaan waren en het tuig veel geleden had. Hij hoopte in de maand maart weder tot vertrek gereed te zullen kunnen zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, B.D. Bosscher, E.G Bosscher en W.Y. van Reinouts, makelaars, zullen op maandag de 23e april 1860 des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen: een extra ordinair welbezeild gekoperd en kopervast Barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ELIZA, gevoerd door kapt. W. Visser, volgens Nederlandse meetbrief lang 32 el, wijd 5 el 87 duim, hol 4 el 92 duim, en alzo gemeten op 217 lasten of 411 ton, liggende in het Oosterdok. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors B.D. Bosscher & Zoon. (opm: verkocht voor de sloop, zie JB 270361)


10 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scio (opm: eiland Khíos, 38º22’ N.B. 26º08’ O.L.), 31 maart. Bij Kaap Melano is dezer dagen een schip gebleven, dat volgens de constructie een Nederlandse kof schijnt te zijn. Ook heeft men op het wrak enige stukken papier gevonden, op een waarvan te lezen staat: Journaal, gehouden op het Nederlandsche kofschip GESINA, kapt. K.A. Bekkering. (opm: zie volgend bericht)


11 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 april. De Nederlandse schoenerkof ANNECHINA GESINA, kapt. Smit (opm: schoenergaljoot ANNECHINA GEZINA, kapt. H.H. Smit), van Smirna (opm: Izmir) naar Londen, is kort na het vertrek door de equipage verlaten en daarna op de westkust van het eiland Scio (opm: eiland Khíos, 38º22’ N.B. 26º08’ O.L.) aan strand gedreven. Dit is waarschijnlijk het kofschip waarvan wij in ons nommer van gisteren, scheepstijding Scio, melding maakten, aangezien het later gebleken is, dat het niet, zoals men moest veronderstellen, de GESINA, kapt. Bekkering kon zijn, daar dat schip de 19e maart van Zoutkamp naar Memel (opm: Klaipeda) vertrokken is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 april. Het Admiraliteitshof in Dublin heeft dezer dagen aan de stoomboot die op 5 december j.l. aan het Nederlandse brikschip ALIDA IKINA, kapt. Scholtens, in de baai van Sligo assistentie verleend heeft (opm: zie NRC 171259), een beloning van GBP 80 en de kosten toegekend.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 9 april. Binnengekomen: KEMANGLEN, kapt. J.W. Möller, naar Dordrecht; PIETER CORNELISZN HOOFT, kapt. N. Coens, naar Schiedam beiden van Batavia; TRIJNTJE FENNA, kapt. C. Ingermann, van Rotterdam naar Melbourne, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis.
7 Dito uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.


12 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Het schip ADÈLE, kapt. Jaski, van Batavia naar Amsterdam, is de 10e dezer met enige schade aan zeilen en rondhout te Portsmouth binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Het schip (opm: brik) TRITON, kapt. A.P. Duinker, van Suriname in Texel binnen, had de 30e maart op 47º N.B. en 14º W.L. een hevige orkaan doorgestaan. Het schip had sedert geruime tijd onder de zeeën bedolven gelegen en maakte sedert meer water dan gewoonlijk.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 10 april. Aangaande het Nederlandse schip (opm: brik) GESINA HOOITES, kapt. J.A. Potjer, van Alexandrië naar Liverpool, 21 december Gibraltar gepasseerd, vernam men sedert niets (opm: zie NRC 220460).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 10 april. De gezagvoerder van het schip ADVICE, van Ronne (opm: op Bornholm), heden alhier gepasseerd, rapporteert dat het Nederlandse schip MARCHINA CATHARINA, kapt. Mulder (opm: schoenergaljoot, kapt. J.D. Mulder), met spoorijzer van Cardiff komende, gestrand is en waarschijnlijk weg zal zijn. (opm: zie NRC 190460)


13 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 februari. De 20e dezer kwam alhier te rede Zr.Ms. schroefstoomschip HET LOO, commandant luit.t.zee 1e klasse J. van Gogh. Dit vaartuig, dat op de 29e oktober laatstleden het vaderland verliet, heeft op zijn reis Plymouth, Cadix, Bahia en de Kaap de Goede Hoop aangedaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 april. Volgens brief van kapt. J.G. de Roever, varende het schip PHOEBUS, van Batavia in Texel binnen, had hij op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop hevige stormen doorgestaan, waardoor de scheg ontzet, de grote ra gebroken en meer andere schade aan schip en tuigage veroorzaakt was. (opm: de bark, bouwjaar 1830, werd 25 juni 1860 verkocht voor de sloop; zie JB 270361)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bristol, 10 april. De Nederlandse bark ZWERVER, kapt. Franzen, van Cardiff naar Hongkong, is gisterenavond met verlies van anker en ketting te Kingroad binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 5 februari. Heden is alhier met schade binnengebracht het Nederlandse barkschip PER ASPERA AD ADSTRA, kapt. J. Admiraal, welke bodem, als vroeger gemeld, op de reis van Tjilatjap naar Rotterdam een zwaar lek bekwam en dientengevolge genoodzaakt was te retourneren. Het schip zal hier timmeren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 februari. Vrachten blijven op het laatste standpunt, alhoewel door de Factorij voor particuliere bevrachting slechts NLG 65 voor suiker geboden werd en ook enige andere afschepers niet hoger besteden willen.
Sedert het laatste bericht hadden de volgende afsluitingen van Nederlandse schepen plaats: IDA ELISABETH tot NLG 70 voor suiker en NLG 65 voor koffij hier te laden naar Nederland; de A.R. FALCK neemt de maatschappij-lading van het afgekeurde schip JAVA tot NLG 55 voor koffij en NLG 30 voor tin naar Amsterdam; WILHELMINA EN CLARA laadt hier suiker tot NLG 70, rijst tot NLG 62,50 en arak tot NLG 85 naar Amsterdam; CHRISTIAAN HUIJGENS bekomt NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor rijst, NLG 80 voor arak, NLG 75 voor indigo en NLG 85 voor huiden; de HELMERS verzeilt naar China. WELVAART heeft afgesloten tot NLG 70 voor suiker, NLG 50 voor tabak en NLG 70 voor arak.
Thans liggen nog de volgende Nederlandse schepen ter verchartering: SUMATRA, DE AMSTEL, ABEL TASMAN, ARDJOENO, NEDERLAND, CATHARINA MARIA, OCEAAN, SCHOON VERBOND, HOLLANDIA, JACOB, MERCATOR, MEDEA, D.F. VISSER, VALPARAISO en ALCYONE.
De navolgende particuliere schepen zijn met kustreizen bezig, als: IJSSEL, DRIE GEBROEDERS, DERKINA TITIA, JAN PIETERSZOON KOEN.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen zal aldaar, ten huize van de logementhouder Minnema, op dinsdag de 24e april 1860, des namiddags 5 uur provisioneel, en des avond 8 uur finaal, verkopen: het welbezeild Nederlands Kofschip ONDERNEMING, met deszelfs complete inventaris, zoals het thans is liggende in de haven van Harlingen; laatst bevaren door de kapitein Jan Hoedemaker; dadelijk na de toewijzing te aanvaarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop te Makkum van gestrande goederen. De notaris Mann zal, ten verzoeke van de heer Verwer te Makkum, namens kapitein J.G. Poppen, gevoerd hebbende het op den 27 maart j.l. op de Makkumerwaard gestrande Hannoverse kofschip THEODOR (opm: zie NRC 290360), op woensdag 18 april 1860, des morgens 10 ure, in en nabij de Prins te Makkum in het openbaar verkopen:
-1: Het casco, zoals hetzelve is zittende op de Makkumerwaard nevens Gaast.
-2: De van de THEODOR geborgen inventaris, bestaande in: een groot anker met ketting, werpanker, kleine ankers met kettingen, verschillende zeilen en fokken, touw en ijzerwerk, koperen pompen, kompas, mast, giek, boot met riemen, watervaten, timmerman-gereedschappen, en vele andere goederen.
-3: De lading van het schip THEODOR, bestaande in: verschillende vaten rode en witte wijn, ongeveer 2.500 Ned. kan (opm: liter), omstreeks 750 stukken verfhout, alles te Makkum aan wal gebracht en min of meer door zeewater beschadigd, benevens nog omstreeks 3.000 stukken verfhout en omstreeks 5.000 stukken pijpaarde, nog in het wrak aanwezig.


14 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 februari. In de avond van de 7e dezer is van de helling der Fabriek voor de Marine en het Stoomwezen van stapel gelopen het in delen uit Nederland gezonden ijzeren stoomvaartuig KAPOEAS, bestemd voor de gouvernementsdienst op de rivier van die naam in de Wester-afdeling van Borneo.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 11 april. De Nederlandse bark SURINAME, kapt. Rijntjes, van Suriname naar Amsterdam, die 6 februari alhier met schade binnenliep, is heden na geëindigde reparaties uit de haven gehaald.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 12 april. Het alhier van Maroim gearriveerde Nederlandse schip CATHARINA, kapt. Bakker, heeft de 31e maart door een zware stortzee hutten, kompassen, verschansingen, lantaarns, stuurrad en twee man van de equipage overboord verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

San Jago de Cuba, 16 maart. Het alhier op 4 dezer, na een reis van 51 dagen van Cardiff gearriveerde Nederlandse schip LIBRA, kapt. Van Os, heeft na zijn vertrek van Cardiff drie weken lang met zeer slecht weder te kampen gehad en daarin enige schade bekomen. Overigens alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 5 februari. De reparatie van het alhier op 9 januari lek geretourneerde Nederlandse schip (opm: bark) NEERLANDS KONINGIN, kapt. G. Geerling, zal zo belangrijk moeten zijn, dat het twijfelachtig is, of het schip getimmerd of afgekeurd zal worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 februari. De Nederlandse bark HELENA CONSTANTIA, kapt. R.H. Donema (opm: Reindert Mellema Donema), van Soerabaija naar Amoy (opm: Xiamen, Fujian), heeft in de Gillolo passage (5º N.B. 129º O.L.) op een rif gestoten en alhoewel het schip spoedig los kwam, zo had men toch een zodanig lek bekomen, dat men genoodzaakt was het te Tongsan (opm: waarschijnlijk in de Molukken) op strand te zetten, waar het in 6 vadem water gezonken is. De passagiers en equipage zijn allen gered en met de stoomboot SHAMROCK naar Amoy gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 februari. Het Nederlandse schip (opm: bark) JAN VAN BRAKEL, kapt. C. Verheij, dat 14 dezer alhier, na een reis van 35 dagen van Soerabaija arriveerde, is op de reis door zware stormen belopen en heeft daarin een lek bekomen en zeilen verloren. Na ontlossing van de lading zal men eerst kunnen beoordelen, welke reparatie het schip moet ondergaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 februari. Het op 4 dezer van hier naar Shanghai vertrokken Nederlandse schip (opm: bark) SOOLO, kapt. P.C. van der Meulen, is de 20e met schade uit zee geretourneerd en ligt thans te reparareren.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 10 april. Binnengekomen: ALBLASSERDAM, kapt. J. ’t Hoen, naar Rotterdam, MACAO, kapt. J. Kroll, naar Schiedam, beide van Batavia; VESTA, kapt. J.P.C. Gerrebrands van Batavia naar Rotterdam; STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag in het laatst van deze maand zal te Soerabaija publiek worden verkocht het Nederlandse barkschip (opm: ex fregat) DE STAD SCHIEDAM, thans gevoerd door kapt. F. Wulp, groot 411 gemeten lasten, koper en kopervast, met deszelfs inventaris. (opm: zie NRC 310560 en 080660)
Nadere informatiën bij de gezagvoerder, en de heren Fraser, Eaton & Co te Samarang, en bij de agenten J. Cezard & Co.


15 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 24 schepen:
Voor Rotterdam: JAN VAN GALEN, kapt. P.H. De Boer; BILITON, kapt. H. ten Zeldam Ganswijk; BEATRIX, kapt. C.A.L. van der Wijk; CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer; VOORWAARTS, kapt. E.L. Kerkstra; MR. ISAÄC DA COSTA, kapt. H.C. Löschen; NOORD- BRABAND (opm: NOORD BRABANT), kapt. H.R. Bok.
Voor Amsterdam: JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. C.N. Gorter; WILLEM EGGERTS, kapt. H. Faber; KIJKDUIN, kapt. S.C.T. Oldendorp; AMICIA, kapt. D. Gaaff; MARIA CATHARINA, kapt. J.A.F. Bertrand; POLLUX, kapt. H.P. Cruys; ZEELUST, kapt. J.A. Knaap; WILHELMINA MARIA, kapt. W. Postma q.q; PAULINE CONSTANCE ELEONORE, kapt. W.P. Pijbes; RESIDENT VAN SON, kapt. D. van der Hoff; CATHARINA WILHELMINA, kapt. F.H. Popken; ELISABETH, kapt. W.C. Veenstra; HERMAN, kapt. M. van Velthoven; de laatste vier van Rotterdam.
Voor Dordrecht: JONKHEER MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK, kapt. K.F. Lammers; TWEE JEANNES, kapt. A. van de Windt.
Voor Middelburg: HAAMSTEDE, kapt. H.H. de Boer; BURGEMEESTER VAN MIDDELBURG, kapt. K. Hoek.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 april. Omtrent het bezoek van Z.K.H. de prins van Oranje, aan 's Rijks werf, op donderdag l.l, vernemen wij nog het volgende: de prins van Oranje werd aldaar met de aan H.D. rang verschuldigde militaire eerbewijzen ontvangen en vertoefde drie uren op voornoemd etablissement. Z.K.H. heeft het met de meeste belangstelling in ogenschouw genomen. De kiel van een stoomflottille-vaartuig werd in tegenwoordigheid van Z.K.H. gelegd, welk vaartuig door H.D. met de naam van SOESTDIJK werd gedoopt. Na een geruime tijd ten huize van de directeur-commandant van de marine te hebben vertoefd en H.D.’s bijzondere tevredenheid over een en ander te hebben betuigd, verliet Z.K.H. blijkbaar zeer voldaan over dit bezoek 's Rijks werf.


16 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 15 april. Een Pruisische bark, met tarwe naar Rotterdam bestemd, zit bij de West-Maas aan de grond; de stoomboot LEO, binnenkomende, is bij dezelve tot assistentie. Volgens latere berichten is deze bark de ANNA UND BERTHA, van Dantzig (opm: Gdansk) komende en zal waarschijnlijk weg zijn. Men is bezig de lading te bergen waarmee reeds enige lichters te Brielle zijn aangekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 13 april. De stoomboot AMSTEL, kapt. W. Welman, is alhier ter rede aangezeild door het Noorse schip MARIE & FANNY, kapt. Unger, verloor daarbij de boegspriet en bekwam schade aan de verschansing en steven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 14 april. De Nederlandse kof (opm: galjoot) JAN ZIJLKER, kapt. A.C. van Driesten, van Middlesbro’ met ijzer naar Triëst, is gisteren bij Ouessant lek geworden en gezonken. Het volk is gered en hier aangebracht (opm: zie NRC 190460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. B.D. Bosscher en E.G. Bosscher, makelaars, zullen op maandag de 30e april 1860, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van een bevoegd beambte, verkopen: het extra welbezeild, gekoperd en kopervast Barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd VROUW JOHANNA, gevoerd door kapt. J. Kettler, volgens meetbrief lang 35 ellen 10 duim, wijd 6 ellen 80 duim, hol 4 ellen 95 duimen, en alzo gemeten op 525 tonnen of 277 lasten. Dit schip is in 1855 en 1857 hoogst belangrijk vertimmerd en gekoperd, is bij Veritas geclassificeerd 5/6 L.I.I, en het laatst voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij binnengekomen de 4e augustus 1858. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


17 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 april. Morgen wordt het stoomflotille-vaartuig HECTOR, benevens de schoener TERNATE, in dienst gesteld. Eerstgenoemde zal spoedig naar West-Indië vertrekken, de laatste bodem zal dienen tot opleiding van aankomende schepelingen en kleine zeetochten doen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 april. De bij de West-Maas aan de grond geraakte Pruissische bark ANNA UND BERTHA, is vlot geraakt en met het voornemen om het schip naar Hellevoetsluis te brengen, tot bij het Zuid-Pampus gesleept, doch men was aldaar, wegens te zware lekkage genoodzaakt het schip aan de grond te zetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 16 april. De gisteren gemelde bark is de ANNA UND BERTHA, van Dantzig (opm: Gdansk) komende, en zal waarschijnlijk weg zijn; men is bezig de lading te bergen, waarmede reeds enige lichters alhier zijn aangekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P.J. van der Aa Gzn, H.J. Gallenkamp, W. Bakker Bzn en P. Reineke, makelaars, zullen op maandag de 30e april 1860 des avonds na zes ure, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam, ten overstaan van de notaris F. Franke, veilen: een extra ordinair, snelzeilend, gekoperd en kopervast Barkschip varende onder Nederlandse vlag, genaamd JAVA KOERIER, gevoerd door kapt. G. Diepering, volgens Nederlandse meetbrief lang 36 el 30 duim, wijd 6 el 33 duim, hol 5 el 30 duim, en alzo gemeten op 541 tonnen of 286 lasten en dat verder met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften. Het voorzegde barkschip ligt in het Oosterdok aan de Dijk, te Amsterdam. (opm: verkocht voor de sloop, zie JB 080960)
Voorts zullen nog geveild worden 3 aandelen in de Stoomboot-Reederij, ten doel hebbende het slepen van schepen in en uit het Nieuwediep, onder directie van de heer Paul van Vlissingen, groot NLG 250.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Corver, H.J. Rietveld, C. Ament, G.J. Boelen, A. Roland Holst, A.M. Balwé, J.H. van den Eemster, W. Bakker Bz, W.J. Langeveld Jr, W. van Rossem, P. Reineke en W.Y van Reinouts, makelaars, zullen op maandag de 30e april 1860, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris D. van Dijk, verkopen: een extra-ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast Barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd REGINA, gevoerd door kapt. J. Lelyvelt, volgens meetbrief lang 33 ellen, wijd 6 ellen 2 duimen, hol 5 ellen 36 duimen, en alzo gemeten op 473 tonnen of 250 lasten. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal, ten verzoeke van Jonkheer van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe door belanghebbenden geautoriseerd, tegen gereed geld, publiek verkopen, op dinsdag den 24 april 1860, des morgens 9 uur, bij het Pakhuis van Strandvonderij te Hollum:
- plus minus 2.200 Amerikaanse duigen, geborgen uit het gestrande Noordse brikschip ATTERDAG, kapitein Erichsen, en na afloop daarvan, ten verzoeke van even gemelde kapitein en ten huize van de kastelein Jan Eeuwes Visser te Hollum:
- het hol of casco van genoemd schip, zoals hetzelve op de buitengronden tegenover Hollum is zittende en zich ten dage des verkoop zal bevinden en met al hetgeen daarop alsdan nog van de tuigage, masten en zo voorts aanwezig mocht zijn.
Des daags voor de verkoop vertrekt het postschip van Holwerd naar Ameland des morgens 10 uur.


18 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 april. Door het provinciaal gerechtshof van Noordholland, voorzitter mr. J.M. van Maanen, werd heden de behandeling van de zaak voortgezet van C.K, R.K, C.Z. en J.Z, allen zeelieden op Vlieland, beschuldigd van diefstal van suiker op het te Texel gestrande schoenerschip MARIA, kapt. De Boer - zie NRC van 30 maart (opm: deze ontbreekt in het archief). 17 getuigen waren in deze zaak gedagvaard. Het hof heeft na een korte deliberatie allen vrijgesproken op grond dat hun schuld niet genoegzaam gebleken was en gelastte hun dadelijke in vrijheidstelling.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 17 april in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
- Nederlands barkschip BETSY, groot 163 lasten. Om NLG 12.200 verkocht.
- Nederlands fregatschip KAREL HENRICUS, groot 395 lasten. Om NLG 56.400 verkocht.
- Nederlands kofschip ZEEMEEUW, groot 61 tonnen. Om NLG 4.950 opgehouden.
- Nederlands tjalkschip COURIER, groot 49 tonnen. Om NLG 1.500 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 april. Kapt. T.J. Rotgans, voerende het schip (opm: brik) KOERIER, van Batavia alhier in het Oosterdok aangekomen, rapporteert buiten de gronden een stortzee over gehad te hebben, waardoor het stuurrad en de kajuitsdeur verbrijzeld, twee man van het roer geslagen waren en veel zeewater in de kajuit gedrongen was.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bristol, 15 april. Het alhier van Genua gearriveerde Nederlandse schip UDO FREDERIK, kapt. Van der Werf, heeft bij het binnenkomen op Breaksea-point aan de grond gezeten en daardoor, naar men veronderstelt, belangrijke schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 15 april. Een Nederlandse schoener-kofschip, de naam nog onbekend, is gisterennacht op Swineboden (opm: Swijnebode, Svinbådarne, 56º15’ N.B. 12º35’ O.L.) aan de grond geraakt. Het schip heeft assistentie aangenomen en moest een gedeelte der lading lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 17 februari. Het alhier in averij geretourneerde Nederlandse schip E.W. VAN DAM VAN ISSELT, kapt. Kolm, is afgekeurd. (opm: zie NRC 310560)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 13 april. Binnengekomen: VIER GEZUSTERS, kapt. J. Bik, van Batavia naar Rotterdam, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND, uit zee wegens contrarie wind.
Uitgezeild: de 14e april STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen. TRIJNTJE FENNA, kapt. C. Ingermann, van Rotterdam naar Melbourne.


19 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Heden heeft aan het departement van marine, te 's Hage, de aanbesteding plaats gehad van het bouwen en leveren van drie loodsrinkelaars met beschieting, mastgestel, tuig en zeilen. Daarvoor waren ingekomen 20 inschrijvings-billetten, waarvan de minste was dat van de heer K.K. de Vries te Groningen, voor de som van NLG 31.260. De hoogste inschrijver was de heer J. Schouten te Dordrecht voor NLG 84.777.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 25 maart. De 13e dezer is het transportschip HELDIN van Bonaire naar Nederland vertrokken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 april. Volgens brief van kapt. Henny, voerende het schip BARON VAN HARDENBROEK, van hier naar Batavia in dato 13 april, bevond hij zich toen in goede staat zeilende op de hoogte van Lezard, aan boord was alles wel. De vorige dag was door hem met veel moeite gered de equipage, benevens des kapiteins vrouw en kind, van het schip JAN ZIJLKER, kapt. Van Driesten, van Middlesbro' naar Triëst, dat de 8e april lekkage bekomen had, de 12e dito 23 duimen water per uur maakte en gezonken was. Men had slechts met veel moeite de kapitein kunnen bewegen het schip te verlaten. (Reeds kortelijk in ons nommer van 16 april gemeld.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 april. Het Nederlandse stoomschip JONGE PAUL, kapt. H.B. de Jong, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, is hier heden aangekomen, om kolen in te nemen en een kleinigheid aan de machine te herstellen. Morgen zal men de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nexoe, 9 april. De te Veendam te huis behorende schoenerkof MARCHINA CATHARINA, kapt. J.D. Mulder, van Cardiff met spoorijzer naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) bestemd, is eergisteren avond bij Allinge gestrand. De bemanning is gered, maar het schip zal wel weg zijn. Van de lading hoopt men bij gunstig weer een groot gedeelte te bergen. (Kortelijk in ons nommer van 12 april gemeld).


Krant:

  DC - Dordtsche Courant

Hellevoet, 16 april. Het Pruissische schip ANNA UND BERTHA, kapt. Halsert, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Rotterdam, bij de West-Maas gestrand, is, na een gedeelte der lading in lichters gelost te hebben, met assistentie weder in vlot water gebracht, doch wegens lekkage op het Zuid Pampus aan de grond gezet.


20 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Zr.Ms. schroefstoomschip der 4e klasse RETEH is in de voormiddag van de 19e dezer van ´s Rijks werf te Amsterdam met goed gevolg te water gelaten.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder H.B. van der Wal te Sneek zal op maandag de 30e april 1860, ’s avonds 7 uur, in het logement de Nieuwe Plantagie, ten huize van W.S. Wagenaar aldaar, publiek, bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen:
1: Een overdekt Tjalkschuitje, genaamd de JONGE JANKE, groot 25 tonnen, met deszelfs inventaris; bevaren wordende door de eigenaar A. van der Sluis.
2: Een overdekt Praamscheepje, de GOEDE VERWACHTING, groot 10 ton, met inventaris; bevaren wordende door de eigenaar Frederik Idzerda.
Beide schepen liggen in de Stads Gracht bij de Jousterpijp te Sneek; aanvaarding en betaling daags na de verkoop.


21 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het in ons vorig nommer medegedeelde betrekkelijk betreffende een moordaanslag op de heer Brink te Amsterdam, is enigszins onjuist (opm: niet opgenomen). Naar wij van goederhand vernemen heeft de zaak zich aldus toegedragen: Kapt. J.J. Moesker, varende het schip (opm: kof) SUZANNE, bestemd van Galatz naar Nederland, had te Konstantinopel (opm: Istanbul) bij de H.H. Mathieu Frères NLG 2.500 gestort, ten einde die som aan zijn hier te lande wonende vrouw over te maken. Kapt. Moesker ontving van het huis Matthieu Frères voor zijn geld een wissel op de H.H. van de Bey & Co te Amsterdam, welke wissel hij aan zijn vrouw heeft overgezonden. Daar de H.H. van de Bey & Co geld van de rederij van het schip SUZANNE te vorderen hadden, moet over de uitbetaling van het bedrag van die wissel tussen hen en de kapitein een woordenwisseling zijn ontstaan, die daarmede eindigde dat de kapt. Moesker de heer Brink, firmant van de firma van de Bey & Co, eergisteren moet gezegd hebben: “Gij moet mij morgen betalen of ik schiet je dood!”, hetgeen laatstgenoemde schertsend beantwoordde. Zoals thans gebleken is was het de kapitein volkomen ernst en heeft hij werkelijk een pistool op de heer Brink gelost en hem gevaarlijk gewond. (opm: zie NRC 230460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Aangaande de schepen GESINA HOOITES, kapt. J.A. Potjer, van Alexandrië naar Liverpool, de 21 december Gibraltar gepasseerd (opm: zie NRC 220460); HERMINE, kapt. Lexow, van Odessa naar Falmouth, de 9e november Konstantinopel (opm: Istanbul) gepasseerd; VIOLETTE, kapt. Levallois, de 3e januari uit Vlissingen naar S. Andero vertrokken; IRIS, kapt. Hamel, de 2e februari van Camillas naar Antwerpen vertrokken; HENDRIKA (opm: galjoot, b.j. 1859!), kapt. B.W. Schenk, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Weymouth, de 12e december Elseneur gepasseerd, en JONGE NICOLAAS (opm: kof), kapt. A. van Assen, van Archangel naar de Maas, de 7e januari van Christiaansand vertrokken (opm: onjuist; AH meldt het vertrek van Smölen [Smølen, 63º42’46 N.B. 8º1’59 O.L, een eilandje NNO van Kristiansund] op 4 januari), heeft men sedert niets vernomen.
(opm: de HERMINE, VIOLETTE en IRIS zijn vermoedelijk buitenlanders)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 17 april. Het alhier met schade binnengelopen Nederlandse schip ADÈLE, kapt. Jaski, van Java naar Amsterdam – zie NRC van 12 dezer – is heden in de haven gehaald om nagezien te worden. Het schip heeft verscheiden zeilen verloren en rondhouten gebroken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Salm en B.D. Bosscher, makelaars, zullen op maandag de 7e mei 1860, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder J.P. Lissone J. Zn, verkopen: het extra welbezeild, gekoperd en kopervast Fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ZEELAND, gevoerd door kapt. H.P. Hazewinkel, volgens meetbrief lang 38 ellen 30 duimen, wijd 6 ellen 47 duimen, hol 4 ellen 94 duimen, en alzo gemeten op 544 tonnen of 287 lasten. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors B.D. Bosscher & Zoon. (opm: verkocht naar Pruissen)


Krant:

 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Op heden, den veertienden april des jaars een duizend honderd zestig,
Heb ik Reitze Bloembergen Santee, eerste deurwaarder bij de Arrondissementsrechtbank te Leeuwarden, wonende aldaar in lit. G, no. 7, ten verzoeke van de Regenten over de Inrichting voor Stads-bestedelingen te Amsterdam, als de voogdij uitoefenende over de in hun gesticht opgenomen Geertruida Post, Johan Post en Cornelis Post, minderjarige kinderen van Barend Cornelis Post, laatst gezagvoerder van het schip de ONDERNEMING, gedomicilieerd te Harlingen, en van diens huisvrouw Anna Ruurds Duman, onlangs te Harlingen overleden, bij vonnis der Arrondissementsrechtbank te Leeuwarden, van den 17de januari 1860 (op de Expeditie geregistreerd), gemachtigd om ten deze gratis te procederen, en tot de tegenwoordige dagvaarding gemachtigd bij vonnis dierzelfde Rechtbank, van den een en dertigsten januari 1860 (mede op de expeditie geregistreerd), domicilie kiezende bij Mr. Solko Walle Tromp, procureur, wonende te Leeuwarden, die ook als zodanig voor mijne requiranten in dezen occupeert,
gedagvaard:
Barend Cornelis Post voornoemd,
Om op dinsdag den vierden september eerstkomende, des voormiddags ten tien ure, te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissementsrechtbank te Leeuwarden, in het Paleis van Justitie aldaar, ten einde alsdan van zijn aanwezen te doen blijken, bij gebreke waarvan, door de eisers verlof zal worden gevraagd tot ene tweede openbare dagvaarding van den gedaagde, met reservatie der kosten.
Aangezien de gedaagde in het laatst van september of begin van oktober 1852 met gemeld schip van Danzig naar Schiedam, met ene lading tarwe, uitgezeild en daarmede op den vijftienden oktober dat jaar te Elseneur aangekomen zijnde, den volgenden dag zijne reis van daar heeft voortgezet, doch er sedert dien tijd, en alzo sedert meer dan drie jaren, geen bericht van het schip of deszelfs equipage, bij de reders of des gedaagden achtergebleven betrekkingen is ingekomen, zodat de gedaagde vermoedelijk is overleden.
En heb ik deze dagvaarding gedaan bij aanplakking aan de hoofddeur van de vergaderplaats van gemelde rechtbank en aan het Gemeentehuis te Harlingen, terwijl ik een afschrift daarvan en van de daarin aangehaalde vonnissen heb overgegeven aan den Heer Officier bij gemelde…. (opm: slot ontbreekt; zie ook NSC 210961 en PGC 040153)


Krant:

  DC - Dordtsche Courant

Scheveningen, 19 april. Er schijnt thans geen twijfel meer te bestaan of Scheveningen treft weer een ontzettende ramp. De vrees, die alhier sedert deze morgen heerst, is ongelukkiger wijze niet ijdel. Een slag als waarover nog vele weduwen en wezen treuren, heeft zich hoogst waarschijnlijk herhaald. Een der pinken, de ONDERNEMING, van de heer P. Varkevisser, moet in de afgelopen nacht in de branding voor onze plaats met man en muis zijn vergaan. Niet minder dan zeven wakkere vissers verloren in de golven hun voor hunne betrekkingen zo dierbaar leven. Van de zeven personen zijn drie gehuwd. De stuurman (opm: schipper) C. Roeleveldt was sedert een geruime tijd ziek te huis en nog niet geheel hersteld. Hij behoort dus gelukkig niet tot de zo noodlottig omgekomen. Was men alhier diep getroffen over het verlies van de brave Machiel van der Zwan; deze nieuwe ramp brengt algemene verslagenheid te weeg.


22 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 20 april. Het Nederlandse schip GESINA HOOITES, kapt. Pottjer (opm: brik, kapt. J.A. Potjer), van Alexandrië naar Liverpool, is de 2e januari op de kust van Conil (Spanje) (opm: Conil de la Frontera, 36º16’ N.B. 6º6’ W.L.) verongelukt.


23 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het Handelsblad deelt, omtrent de aanleiding tot het droevige voorval tussen de heer Brink van de firma Van de Bey & Co te Amsterdam en kapt. Moesker (opm: zie NRC 210460), de volgende bijzonderheden mede:
Kapt. Moesker, een som van NLG 2.500 naar Nederland willende remitteren, kocht daarvoor een wissel van de heren Mathieu Frères te Galatz, gedagtekend 1 november 1859 en zond die onmiddellijk aan zijn vrouw te Delft woonachtig, met verzoek om hem aan de heren van de Bey & Co, die ook zijn gewone cargadoors waren, in te zenden, ten einde deze uit het bedrag verschillende sommen voor hem (kapt. Moesker) zouden betalen en het overschot aan zijn vrouw ter hand stellen. De heren van de Bey & Co, aan wie de vrouw van kapt. Moesker de wissel met de instructies van haar man op 13 november l.l. had overgezonden, beantwoordden de brief niet, en zonden, toen Moesker na verloop van 8 of 14 dagen aanvroeg of alles in orde was, in het begin van december, na het verstrijken van de vervaldag, de wissel terug, te kennen gevende, dat zij deze niet konden betalen. Daar nu de protestdag lang verstreken was, weigerden ook de heren Mathieu het rembours, zeggende, dat de heren van de Bey & Co de volle waarde voor de wissel onder zich hadden, daar deze in het bezit waren gesteld van de cognossementen van een voor hen door Mathieu Frères, ingekochte lading granen tegen het accepteren van wisselbrieven tot een bedrag gelijkstaande met het beloop van de inkooprekening van de lading onder korting echter van de som van NLG 2.500, die reeds gedekt was door de wissel, welke Mathieu Frères aan de order van kapt. Moesker op de heren van de Bey & Co hadden getrokken.
Zowel voor als na de terugkomst van kapt. Moesker, en dus wel omstreeks drie maanden, is met de heren van de Bey over die zaak onderhandeld. Deze gaven wel steeds te kennen, dat de zaak terecht zou komen, doch weigerden een bewijs af te geven, dat zij de NLG 2.500, al ware het dan ook na enige tijd, zouden betalen, omdat zij een verschil hadden met Mathieu Frères over de lading. Eerst in de laatste dagen hebben de heren van de Bey & Co zich bereid verklaard, om de NLG 2.500 te betalen tegen een bewijs van kapt. Moesker, waarbij hij zijn rechten tegen Mathieu Frères aan de heren van de Bey afstond. De kapitein vorderde toen echter ook de voldoening van renten en kosten. Er bestond wel een vordering van NLG 1.400 van de heren van de Bey en Co ten laste van het door kapt. Moesker gevoerde en hem in eigendom toebehorende schip SUZANNA, maar over die vordering bestond geen geschil.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 19 april. De te Pekel-A te huis behorende kof JANTINA, kapt. Vos (opm: vermoedelijk galjoot, kapt. H.P. Vos), van Ayr met een lading ijzer naar Sevilla bestemd, is in de baai van Biscaye gezonken. (opm: zie NRC 010560)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 april. Aangaande het Nederlandse schip (opm: schoener) SALLANDT, kapt. R.N. Jonker, de 7e januari van Cardiff naar Cadix vertrokken, heeft men sedert niet vernomen.


24 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 april. De Nederlandse galjoot ANNA ARENDINA, kapt. Pot (opm: U.E. Pott), van Liverpool naar Nerva (opm: het eiland Narva, 60º14’ N.B. 27º57’ O.L.), is de 15e dezer in de Noordzee door een Noorse bark overzeild en gezonken, doch het volk gered en te Londen aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 20 april. Kapt. Krook, voerende het schip GEZIENA, met ongesponnen katoen van Ameland naar Bremen, heeft de 18e dezer op het Friese wad, tussen Holwerd en Wierum, de bliksem in de mast gehad, waardoor deze van boven tot beneden gespleten is. Hij moet zich van een nieuwe mast voorzien, alvorens de reis te kunnen vervolgen.


25 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 24 april in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam:
- 1/60 Aandeel in het barkschip JUNO, groot 350 lasten of 662 tonnen, waarvoor is gefourneerd NLG 1950. Om NLG 580 verkocht.
- 1/40 Deel of 3/120 aandeel in het barkschip TWEE JEANNES, groot 359 lasten of 679 tonnen, waarvoor is gefourneerd NLG 3.525. Om NLG 970 verkocht.
- 1/40 Aandeel in het barkschip MARIA DIEDERIKA, groot 381 lasten of 720 tonnen, waarvoor is gefourneerd NLG 3.580. Om NLG 750 verkocht.
- 1/300 Aandeel in het fregatschip WILLEM DE EERSTE, groot 474 lasten of 896 tonnen, waarop is gefourneerd NLG 660. Om NLG 110 verkocht.
- 1/64 Aandeel in het barkschip ANTONIA GEERTRUIDA, groot 367 lasten of 694 tonnen, waarvoor is gefourneerd NLG 2.350. Opgehouden.
- 1/64 Aandeel als het voorgaande. Niet geveild.
- 1/30 Aandeel in het fregatschip BILDERDIJK, groot 414 lasten of 785 tonnen, waarvoor is gefourneerd NLG 6.060. Opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, zullen op last van hun meesters op maandag de 7e mei 1860 des middags ten 12 ure in het notarishuis aan de Geldersche Kade publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1853 gebouwde, gekoperd en kopervast Nederlands Barkschip DRIE VRIENDEN, gevoerd wordende door kapt. L.P. Anderson, volgens meetbrief lang 37 el 50 duim, wijd 7 el, hol 5 el 84 duim, en alzo groot 681 tonnen of 359 lasten; met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven binnen deze stad, zijnde gemeld schip in oktober 1857 het laatst voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht binnengekomen.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht: een chronometer.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg, 16 april. In de nacht van 13 op 14 dezer is alhier in de nabijheid gestrand het Nederlandse kofschip GEZINA MENSINGA, kapt. K.V. Pot, van Newcastle naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad). Het zal weg zijn. (opm: zie NRC 140560)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 24 april. Naar men verneemt zijn dezer dagen vanwege de Marine of ’s Rijks loodsdienst pogingen aangewend ter plaatsing van een zogenaamd klokschip op de hoek van de Banjert (Banjaard), waarin men door het onstuimig weder en de branding vooralsnog niet geslaagd is. Dit schip is een zeebaken, voorzien van een bel, die door de minste beweging blijft kleppen en de zeevarenden tot sein verstrekt.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 16 april. Binnengekomen: Zr.Ms. stoomschip FRANS NAEREBOUT, commandant Verschoor, van Vlissingen, bestemming onbekend.
17 Dito MORGENSTER, kapt. P. Schlijtter, van Fredrikstad; 19 dito STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen, beide naar Dordrecht.
21 Dito SOERABAIJA, kapt. K. de Boer, van Batavia, met verlies van ankers en ketting. HENDRIKA, kapt. U.H. Bönn, van Batavia, allen naar Rotterdam.
22 Dito VAN OLDEBARNEVELD (opm: OLDENBARNEVELD), kapt. C.L. Torleij Duwel, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND, binnendoor van Hellevoetsluis; CATHARINA MARIA, kapt. A.T. Schuchard, van Batavia naar Rotterdam. 23 Dito MAARTEN VAN ROSSEM, kapt. A. van der Eijk qq., van Batavia naar Rotterdam.


26 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 25 april. Heden is van de scheepstimmerwerf van de heer F. Smit alhier met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefstoomboot STAD GORINCHEM, bestemd tot vervoer van passagiers en goederen tussen Gorinchem en Amsterdam, voor rekening van de heren P. Tegel, H.J. Belzer en G. Belzer te Gorinchem. De machines voor deze stoomboot worden vervaardigd in de fabriek van de heren Diepeveen Lels en Smit alhier.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 april. Het schip TWEELINGZUSTERS, kapt. Carst, van Odessa naar Antwerpen, is 11 dezer wegens gebrek aan water te Carthagena binnengelopen, doch heeft de volgende dag de reis voortgezet.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 april. Volgens brief van kapt. Berkelbach van den Sprenckel, voerende het schip DIONYSIA CATHARINA, in dato Newport 19 dezer, was hij in de nacht van 7 op 8 april door het Amerikaanse fregat CLARA HALLAWELL aangezeild en had hij daardoor enige onbelangrijke schade aan romp en aan tuigage bekomen; ook was het schip dicht gebleven.


27 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 25 april. Volgens telegrafisch bericht van Lissabon was het fregatschip HESTER ADRIANA, kapt. Strang van Hees, van Cardiff naar Singapore, aldaar binnen, na volbrachte reparatie gereed liggende om de reis voort te zetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P. Blom en J Meijerink Meijer, makelaars, zullen op maandag 7 mei 1860 des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: een extra ordinair welbezeild gezinkt Schoonerschip varende onder Nederlandse vlag, genaamd CHRISTINA ALIDA, gevoerd door kapt. K. Welger, volgens Nederlandse meetbrief lang 20 ellen 60 duimen, wijd 4 ellen 10 duimen, hol 2 ellen 10 duimen, en alzo gemeten op 103 tonnen of 55 lasten. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars en bij de cargadoors Meijer & Co.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris H. Douma te Gorredijk zal op donderdag den 3 mei 1860, ’s namiddags 5 uur, ten huize van S.W. de Vries te Drachten, in veiling brengen: een wel onderhouden Schuiteschip, lang 13 el 50 dm. (48 voet), wijd 3 el 36 dm. (12 voet) en hol 1 el 54 dm. (4½ voet), groot 27 ton, liggende bij de werf van T.W. Kamp.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Boelgoed van gestrande goederen. De notaris Mann zal, ten verzoeke van den heer Verwer, maandag 30 april 1860, ‘s middags 12 ure, in het Schippershuis te Makkum, verkopen:
-1: Het casco van het op 27 maart jl. op de Makkumerwaard nevens Gaast gestrand Hannovers Kofschip THEODOR, zodanig als hetzelve thans is zittende op de scheepstimmerwerf van Bakker en Van der Veen te Makkum.
-2: Ongeveer 300 stukken Verfhout en ene partij pijpaarde, liggende beide aan de Kleine Zijlroede te Makkum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een sterk Suitelschip, met zeil en toebehoren, groot 8 ton. Te bevragen bij J. Boorsma, scheepstimmerman te Sneek.
(opm: sûtelje, Fries voor handeldrijven en een sûtelder is een marskramer; een sutelschip is dus in gebruik bij een handelaar)


28 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 maart. Vrachten souteneren (opm: handhaven) zich op de laatst bestede cijfers, hetwelk men hoofdzakelijk toeschrijft aan het uitblijven van de verwacht wordende Bonievloot, waarvan verscheidende bodems hier particulier zullen moeten bevracht worden, terwijl de disponibele producten nu nagenoeg afgeladen zijn.
Sedert het laatste bericht werden nog de volgende charters afgesloten: ABEL TASMAN tot $ 44 cs. naar Hongkong of Macao en 10 $ cs verhoging wanneer naar Amoy. CATHARINA MARIA tot NLG 75 voor huiden, NLG 70 voor suiker en NLG 65 voor koffij hier en op de kust te laden naar Rotterdam. JASON laadt voor eigenaars rekening. MARTHA EN JACOBA krijgt NLG 4.500 van Soerabaja naar Biliton en terug naar Batavia. ELIZE HENRIETTE NLG 65 voor koffij van Padang naar Amsterdam. PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL tot NLG 65 voor suiker, NLG 60 voor thee en NLG 35 voor kopergeld op Cheribon te laden naar Rotterdam. GRAAFSTROOM neemt hier machinerieën in naar Cheribon en Japara voor NLG 6.000 ineens. AMSTEL voor een lading suiker naar Amsterdam tot NLG 65 te Soerabaja en NLG 67,50 te Passoeroean. De OCEAAN neemt de lading van het afgekeurde schip NEERLANDS KONINGIN tot NLG 70 voor suiker en NLG 65 voor koffij.
De volgende schepen liggen nu nog onbevracht, als Nederlands SUMATRA, SCHOON VERBOND, HOLLANDIA, JACOB, MERCATOR, MEDEA, D.F. VISSER, ALCYONE, PETRONELLE CATHARINA en BANTAM.
De volgende schepen zijn nog met kustreizen bezig: YSSEL, DRIE GEBROEDERS, DERKINA TITIA, JAN PIETERSZOON KOEN, MARTHA en JACOBA en GRAAFSTROOM.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 april. Volgens telegrafisch bericht uit Almeria in dato 26 april is het alhier te huis behorende schip (opm: schoener) SPERWER, kapt. B.G. Lambach, op de rede van Adra (opm: 36º45’ N.B. 3º2’ W.L.) in Spanje gebleven. Het volk is gered. (opm: zie NRC 100560)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 27 april. De van Hartlepool komende stoomboot ZINGARI is voor Den Briel aan de grond geraakt en niettegenstaande men reeds twee lichters gelost heeft, met hoog water blijven zitten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 26 april. Door het Nederlandse schip JONKER VAN SLOGTEREN (opm: kof JONKER VAN SLOCHTEREN), kapt. P.P. Prak, is heden alhier aangebracht kapt. Breidensted en de overige equipage van het Russische schip HEDWIG, welke bodem de 11e april op de reis van Newport naar St. Thomas gezonken is. (opm: zie NRC 130560)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 25 april. Het alhier binnengelopen schip GITANA, kapt. Schots, heeft GBP 45 moeten betalen voor assistentie, door de bemanning van de loodsboot PET, aan het schip bewezen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 6 maart. Het Nederlandse schip HENDRIK-IDO-AMBACHT, kapt. Bijl, is alhier van Hongkong gearriveerd en zal na ontlossing naar Singapore verzeilen om aldaar een lading voor Nederland in te nemen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 6 maart. De Nederlandse stoomboot ATTALANTE wordt alhier ter verkoop aangeboden. (opm: zie NRC 160760)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 6 maart. Zoëven arriveert alhier de stoomboot AZOFF van Kanagawa (opm: havenplaats nabij Tokyo) en Nagasaki en brengt het bericht mee, dat de Nederlandse gezagvoerders J.N. Dekker en W. de Vos respectievelijk met de schepen (opm: brikken) HENRIETTE LOUISE (opm: HENRIETTE LOUISA) en CHRISTIAAN LOUIS in Japan gearriveerd, op zekere avond verraderlijk in een van de straten van Yokohama zijn aangevallen en op een barbaarse wijze zijn vermoord. (opm: zie NRC 290460, 300460 en 010560)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 26 april. Binnengekomen: ALMA, kapt. H. Bowbyes, en CLEMENS, kapt. H. Persoon, beide van Newcastle.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 24 april. Binnengekomen: JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Flenz Jz, van Batavia naar Rotterdam, aan boord hebbende 30 gepasporteerde militairen.
24 Dito uitgezeild: PATRIARCH SAMHIRI, kapt. G.G. Lion, van Rotterdam naar Batavia.


29 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 april. Door een vriendelijke hand zijn wij in het bezit gesteld van het onderstaande uittreksel eens briefs uit Decima in dato 2 maart:
Enige dagen geleden is Zr.Ms. corvet GRONINGEN alhier gearriveerd, overbrengende de nieuwe consul-generaal en zijn secretaris; de heer Donker Curtius heeft gisteren zijn betrekking neergelegd en zal met voornoemd schip via Jedo naar Siam gaan en zo vervolgens de reis per mail naar Europa voortzetten.
Hedenmorgen arriveerde alhier de stoomboot AZOFF van Yokohama, het bericht van een vreselijke gebeurtenis van daar meebrengende. De zaak is deze: de 25e februari, des avonds omstreeks 5½ ure, verlieten twee Nederlandse gezagvoerders, zijnde kapt. W. de Vos, van het schip CHRISTIAAN LOUIS en kapt. Dekker, gezagvoerder van de LOUISA CHRISTINA, het hotel van de heer Hufnagel, gewezen gezagvoerder van de NASSAU te Yokohama, voornemens zijnde naar hun schepen terug te keren; doch daar het kapt. Dekker inviel nog een weinig soja te willen kopen, zo volgde kapt. De Vos zijn collega, en nauwelijks waren zij enige huizen ver gegaan, of zij werden verraderlijk van achteren aangevallen en op de allerwreedaardigste wijze door de Japanners vermoord. Zij zijn onmiddellijk op de straat nedergeworpen en dood blijven liggen. Volgens een van de bladen van Hong-Kong was een Nederlandse oorlogsstoomboot van Nagasaki naar het toneel van de moord vertrokken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 27 april. De schoener OMNIBUS, van Antwerpen naar Gibraltar, is alhier lek en met verlies van anker en ketting binnengebracht, hebbende ter hoogte van Goodwin Sands aan de grond gezeten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Büsum, 25 april. De Nederlandse kof AVONTUUR, kapt. Spanier (opm: J. Spanjer), van Whörden met lijnkoeken naar Leith, is voor de haven op het droge gehaald om een lek te stoppen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 maart. De Nederlandse bark NEÊRLANDS KONINGIN, kapt. G. Geerling, van Banjoewangie naar Rotterdam, met schade te Soerabaija binnengelopen (opm: zie NRC 140460), is aldaar afgekeurd. De lading zal in het schip (opm: fregat) OCEAAN, kapt. E. Poestkoke, overgescheept worden.


30 april 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 april. De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft weder een aanvraag naar scheepsruimte voor haar gewone bevrachting gedaan. Voor schepen, laatstelijk vóór of op ultimo oktober 1858 door haar bevracht binnengekomen, en voor nieuwe schepen, die voor of op ultimo december 1859 zijn te water gelaten. De schepen, die rechtstreeks van Nederland naar Java zullen vertrekken, moeten voor of omstreeks 10 juni zeilklaar liggen; die, welke op vóóruitreis zijn, voor of op 10 oktober 1860 te Batavia ter beschikking van de factorij zijn. De schepen, welke na medio maart 1858 zijn gearriveerd en zich hier te lande bevinden, zullen verplicht zijn plm. 250 stenen per gemeten last tot de vracht van NLG 15 per 1000 over te voeren wanneer de Nederlandsche Handel-Maatschappij zulks verlangt. De vroeger gemaakte bepalingen, voor schepen vóór medio maart 1858 binnengekomen, blijven van kracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 april. Nopens de te Yokohama in Japan gepleegde moord op de Nederlandse gezagvoerders De Vos en Dekker, verneemt men nader, dat op ieder lijk drie vreselijke wonden zijn ontdekt. Van de moordenaars is niets bekend, doch alleen gist men, dat het officieren zijn van de in ongenade gevallen broeder des keizers, die op die wijze zoekt het land in oorlog te wikkelen en zich op de troon te helpen.


Krant:

  AH - Algemeen Handelsblad

Seaham, 23 april. Uitgezeild ADOLF EDUARD, Teensma, naar Middelburg.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 29 april. Binnengekomen: CORNELIS WERNARD EDUARD, kapt. D. Bakker, van Batavia naar Schiedam. HEBE, kapt. A.J. Kiehl, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot ZUID-HOLLAND, binnendoor van Hellevoetsluis. STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.


01 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 april. Te Nieuwe Diep zijn dezer dagen proeftochten in de Noordzee gedaan met het uitmuntende en fraaie stoomschip KROONPRINSES LOUISE, toebehorende aan de heren Van Vlissingen & Co en tot nu toe gevaren hebbende op Hamburg en Kroonstad en andere havens. Het plan is dit vaartuig voor rekening van 's rijks marine aan te kopen voor transporten in Oost-Indië, waartoe wegens zijn geringe diepgang (slechts 4 voet) vooral op de rivieren aldaar, uitmuntend geschikt schijnt (opm: zie NRC 210560). Wanneer dat voldeed, zouden nog drie anderen aangekocht worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 april. De Utrechtsche Courant bevat een particulier schrijven uit Nagasaki, waarin nopens de moord te Yokohama op de beide koopvaardijkapiteins gepleegd o.a. nog de navolgende bijzonderheden worden medegedeeld: Een hand en een hoed zijn op een honderdtal passen verder gevonden. Zodra het feit ter ore van de gouverneur van Jedo was gekomen, liet hij dadelijk de poorten sluiten, om de moordenaars machtig te worden; doch het was reeds twee uur later. Voor de moorden, op personen van andere natiën begaan, is voor de achtergebleven betrekkingen steeds schadevergoeding gevraagd en dit zal ook hier het geval wel wezen. De GRONINGEN ligt hier, waarvan de commandant met het état-major een bezoek bij de gouverneur heeft gebracht. Zij zijn daar met de gewone plechtigheden ontvangen, hebben er gespijsd en gerookt, en als gewoonlijk werd aan ieder de verlakte rooktoestel, enz, na het gebruik aan het schip bezorgd. De gouverneur was aan de ene tafel, onze officieren waren aan een andere tafel daarnaast gezeten; tussenin zat de Japanse tolk. Opmerkelijk was het, dat de gouverneur zich zeer informeerde naar al wat de toebereidselen van de Engelsen voor de oorlog tegen China betrof, terwijl een van de Japanners al hetgeen daaromtrent verhaald werd, opschreef. Niettegenstaande dat beleefd verzoek dat de gouverneur beloofde te retourneren, is de GRONINGEN toch op zijn hoede, en ligt dat stoomschip, naar men zegt, met geladen batterij. Wegens de moord op de beide Nederlandse kapiteins, dacht men dat de GRONINGEN weldra naar Kanagawa (havenplaats nabij Tokyo) zou vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 29 april. Men heeft hier de tijding ontvangen, dat de Harlinger Groenlandsvaarder DIRKJE ADAMA door stormweer zodanig in de robbenvangst was verhinderd, dat men slechts drie robben had gevangen. Twee man van het scheepsvolk had men door ziekte verloren en 12 man gered en opgenomen van een verongelukte Engelse Groenlandvaarder.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Volgens particulier bericht uit Hongkong, d.d. 14 maart, was de JAN VAN BRAKEL, kapt. Verhey, overkant geweest en de metalen huid in zeer goede staat bevonden, zodat het schip slechts van een nieuwe loze kiel voorzien en onder de schuurgang gekalefaterd moest worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 2 mei. Het schip UNION, kapt. Zimmerman (opm: buitenlander), van Pillau (opm: Baltyisk) naar Rotterdam, is buitengaats in aanzeiling geweest met de kof MARGARETHA GESINA, kapt. S.J. Edema, komende van Gothenburg, die daarbij zijn gehele tuig verloren heeft en door de stoomboot KINDERDIJK alhier is binnengesleept.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand (opm: Kristiansand), 27 april. De Nederlandse schoener ZEVEN STERREN, kapt. Huizinga, van Gothenburg naar Rotterdam, is alhier lek en met andere schade wegens aanzeiling binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P. Blom en J. Meijerink Meijer, makelaars zullen op maandag 7 mei 1860 des avonds ten zes ure te Amsterdam, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: een extra ordinair welbezeild gezinkt Schoenerschip varende onder Nederlandse vlag, genaamd CHRISTINA ALIDA, gevoerd door kapt. K. Welger, volgens Nederlandse meetbrief lang 20 ellen 60 duimen, wijd 4 ellen 10 duimen hol 2 ellen 10 duimen, en alzo gemeten op 103 tonnen of 55 lasten. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars en bij de cargadoors Meijer en Co.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 19 april. De equipage van het in de baai van Biscaye gezonken Nederlandse schip JANTINA, kapt. Vos – zie NRC van 23 april – is gered en alhier aangebracht.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Bij vonnis van de Arr. Regtbank te Heerenveen van de 26e april 1860 is in staat van faillissement verklaard Bartele Pieters Cats, scheepstimmerman, wonende te Nijehaske, ingegaan de 26e april 1860 en zijn in dit faillissement benoemd tot Regter-commissaris de Edel Achtb.Heer Mr. Johannes Casparus Bergsma en tot Curator Mr Philippus van Blom, procureur wonende te Nijehaske. (opm: zie LC 060760 en 240860)


02 mei 1860


Krant:
 ZZC - Zierikzeesche Courant

Volgens particulier bericht van kapt. T.C. Kamminga, voerende het schip GRONDWET, de 2e februari van Java herwaarts vertrokken, was hij de 31e maart j.l. te St. Helena gearriveerd en alles wel aan boord.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 30 april. Uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen. 29 Dito Zr.Ms. stoomschip FRANS NAEREBOUT, commandant Verschoor, van Brouwershaven naar de Hinder.


04 mei 1860


Krant:
 SAB - Samarangsch Advertentieblad

Ternate, 7 april. Er heeft hier een ongeluk plaatsgevonden, dat voor de toeschouwers een majestueus schouwspel opleverde en wel enig in zijn soort genoemd mag worden, namelijk het verbranden van de bark FATUL KARIEM (opm: FATHUL KARIM), gevoerd door de Arabier Achmed Fagie (opm: sech Achmad bin Oemar Fagie). Dit schip arriveerde hier enige dagen geleden met 700 ton steenkolen; nauwelijks 200 ton gelost zijnde, werd ’s morgens van gemelde datum ontdekt, dat de kolen aan het broeien waren en de hitte reeds een bijzonder hoge graad bereikt had. Onmiddellijk werd alles in het werk gesteld om de voortgang van de brand te stuiten, doch, zoals later bleek, moeten de kolen reeds sedert geruime tijd aan het broeien zijn geweest, want de vlam brak bijna overal tegelijk uit. Eerst werd getracht om het vaartuig te doen zinken door gaten in de romp te kappen, doch wegens de enorme sterkte van het vaartuig gelukte dat niet. Later werd op hetzelve geschoten doch ook dit had geen de minste uitwerking; ondanks alle aangewende pogingen door de heren M.D. van Duivenbode, Vos (command.) en Servatius, officieren van Zr.Ms. stoomschip ETNA, in het werk gesteld, brak tegen 6 uur de vlam met zulk een geweld uit, dat ten 7 ure reeds de bezaanmast, ten 9 ure de grote mast en ten 11 ure de fokkemast viel. Het schip heeft tot de volgende morgen 9 uur gebrand, toen het door de deining en het inslaan van het water zonk. De boeg was gelukkig op een zandbank geraakt, zodat de eigenaar het ijzerwerk, koper, zeilen, touwen, bagage, enz. gelukkig nog heeft kunnen redden. Door dit ongeluk zijn ruim 500 ton steenkolen verloren gegaan. (opm: de FATHUL KARIM was de 26e maart te Ternate met 700 ton Gouvernements-steenkolen aangekomen)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fowey, 1 mei. Het Nederlandse schip JONKER VAN SLOCHTEREN, kapt. Prak, van Alicante naar Antwerpen, is alhier met verlies van voorsteng binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, zullen op last van hun meesters, op dinsdag de 15e mei 1860, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, gekoperd en kopervaste Barkschip BORNEO, laatst gevoerd door kapt. D. van Amerongen, volgens meetbrief lang 37 el 10 duim, wijd 7 el 9 duim, hol 5 el 28 duim, en alzo groot 326 lasten, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Haringvliet binnen deze stad. Nog zal afzonderlijk worden verkocht: een chronometer ( tweedaagse) van Wydenham & Adam te Londen, no. 1834, te bezichtigen bij de heren Dupont & Zoon alhier.
(opm: het schip werd verkocht voor de sloop, zie JB 270361)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. L. Harmenzon, deurwaarder te Leeuwarden, zal op vrijdag 11 mei 1860, na de middag 5 uur, bij R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, verkopen: een overdekt gewegerd Tjalkschip, zo goed als nieuw, groot 22 tonnen, met daarbij behorende inventaris, liggende des daags vóór en op de verkoopdag ter bezichtiging in het Vliet, voor genoemd Schippershuis; te aanvaarden op 14 mei 1860; waarop geboden is NLG 625.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris H. Bouma zal op donderdag de 10e mei 1860, ’s namiddags 5 uur, in het logement de Ster, te Drachten, presenteren te verkopen: een Schuiteschip, met mast, groot 25 tonnen, benevens 10 Bollepramen, zo nieuw als gebruikt, in verschillende grote, van 6 tot 13 tonnen, liggende bij de werf van T.W. Kamp te Drachten.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Kofschip, groot 21 ton, oud vier jaren, met inventaris van twee jaar, liggende te Bakkeveen.
Men vervoege zich bij Jan Eizes Hoekstra, beurtschipper aldaar.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een Snik met roef en inventaris, alles nog best, groot 5 á 6 ton.
Te bevragen bij E. Holtrop van der Zee.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping te Arum van een vijfde gedeelte in twee Veerschepen van Arum op Harlingen, Franeker en Bolsward vice versa, met gelijk aandeel in alle rechten en privileges van gemeld veer; de 12e mei 1860 vrij te aanvaarden.
Deze verkoop zal worden gehouden ten verzoeke van de notaris P. Zeper Dz te Leeuwarden, door de notaris Kuiper te Bolsward, op zaterdag de 5e mei 1860, des namiddags 4 uur, ten huize van de weduwe A.J. Jongsma, in de Zwaan te Arum.


05 mei 1860


Krant:
 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 3 mei. 1 Mei uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht. ARGO, kapt. J. Ribbing, van Brouwershaven naar Newcastle.
2 Mei: VAN OLDEBARNEVELDT (opm: fregat OLDENBARNEVELD), kapt. C.L. Torleij Duwel, van Rotterdam naar Batavia.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 3 mei. Jongsleden woensdagavond (opm: 2 mei) omstreeks 7 uur is gestrand op het Nieuwe Zand aan de binnenkant van No. 2 de Pruissische schoener SABINE. kapt. Niemann, van Wolgast met tarwe naar Brussel. Onmiddellijk is van hier vertrokken tot adsistentie de loodsafhaler R. Edelenbosch, doch door de hoge zee en hevige wind het wrak niet heeft kunnen naderen. Hetzelve zit geheel onder water. De drie man der equipage waren gevlucht in het want en zich aldaar vastgeklemd, doch het was niet mogelijk hen te redden. De kapitein, een Belgische loods en een matroos hebben zich met de sloep gered.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 4 mei. Van het Pruissische schoenerschip SABINE, kapt. J.C. Niemann, de 2e dezer op het Nieuwe Zand verongelukt, zijn heden alhier aangebracht door de reddingsschokker, gevoerd door schipper G. van Duin, de stuurman, een matroos en de jongen, die men genoodzaakt was geweest achter te laten en voor wier lot men zeer beducht was. Nadat deze ongelukkigen 36 uur in het want in een hopeloze toestand hadden doorgebracht gelukte het eerst heden morgen de equipage van gemelde schokker na veel inspanning hen van het reeds onder water zijnde wrak te redden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 2 mei. De Nederlandse schoener GITANA, kapt. Schots, van St. Paul de Loando, laatst van de Sorlings (opm: Scilly Isles), naar Rotterdam, is alhier met verlies van zeilen en andere schade binnengelopen.


06 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 1 mei. Aangaande het schip HILLECHINA, kapt. Hansen (opm: mogelijk buitenlander), 3 december 1859 van Kopenhagen naar Hull vertrokken, vernam men sedert niets.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Janeiro, 14 maart. Het van Rotterdam naar Macasser bestemde Nederlandse brikschip WILHELMINA, kapt. Blekkingh, is alhier lek binnengelopen.


07 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 4 mei. De Belgische brik FLANDRE, kapt. Weijerts, van Rio Grande naar Londen is alhier met schade wegens aanzeiling binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 4 mei. De Nederlandse schoener ELISABETH CATHARINA, kapt. Clausen, van Newcastle naar Dantzig (opm: Gdansk), heeft 26 april in een hevige bui, op de Jutlandse kust, een geheel stel zeilen en de grote boot verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 7 april. De Nederlandse schepen BEURS VAN ROTTERDAM, kapt. De Vos, van Java naar Rotterdam, en PIETER, kapt. Lammerts, van dito naar Amsterdam, die alhier met schade binnen liepen en respectievelijk 13 en 21 maart na geëindigde reparaties hun reizen op nieuw aanvaardden, hebben beiden alhier bodemarij genomen. Die van de BEURS VAN ROTTERDAM, groot $ 10.000, is gesloten à 10 procent, betaalbaar 20 dagen na behouden arrivement te Rotterdam, en die der PIETER, groot $ 20.000, à 12 procent, betaalbaar 20 dagen na behouden arrivement te Amsterdam.


08 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 mei. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 38 schepen, als:
Voor Rotterdam: JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Flens Jzn; DAVO, kapt. M. Wijtenhorst; SCHOONDERLOO, kapt. D. Kruyt; EVERDINA ELISABETH, kapt. C.J. Tonjes; EMILIE, kapt. J.A. Bruinseels; JEDO, kapt. W. van der Hoeven; CATHARINA MARIA, kapt. A.J. Schuchard; CORNELIS SMIT, kapt. R. Wiedenaar; DOELWIJK, kapt. K.J. Zwart; PANTALON, kapt. T. Nepperus; VOORUIT, kapt. W.C. Kool; EERSTELING, kapt. J.C. Mann.
Voor Amsterdam: ANNA LENA, kapt. C. Zaal; CORNELIS HOUTMAN, kapt. J.H. Rolman; JAN VAN BRAKEL, kapt. D. de Roever; MENTOR, kapt. P.Pzn Duinker Jr; VALPARAISO, kapt. N.N; CORNELIA HENDRIKA, kapt. C. Jaski; ESTAFETTE, kapt. A.M.H. Rietveld; ADMIRAAL TROMP, kapt. J. van Tubergen; DRIE GEZUSTERS, kapt. O.G. Fischer; CESAR, kapt. A.D. de Jong; ELISABETH EN ANTOINETTE, kapt. H.A. Besier; PHILIPS VAN MARNIX, kapt. E. van Duyn; DERKINA TITIA, kapt. P. Esink; STAD ENSCHEDÉ, kapt. J.M.B. Noordhoek Hegt; JUPITER, kapt. P. Burggraaff; ALLEGONDA JACOBA, kapt. B.C. Deurholt; LANDBOUW, kapt. P.A. Kleynenberg; JACOBUS, kapt. J.J. van Loon; IDA MARIA DE RAATH, kapt. J. de Boer (de vier laatste van Rotterdam).
Voor Schiedam: ODILIA MARGARETHA, kapt. J. Martens van Geffen; ARGO, kapt. A.W.F. van Teutem (beide van Rotterdam).
Voor Dordrecht: EVA JOHANNA, kapt. H. de Boer.
Voor Middelburg: MARIA, kapt. E.N.F. van Wulven; ZEELANDIA, kapt. W. Blaakhert; EDUARD EN MARIE, kapt. M.F. Remmers; WILLEM DE ZWIJGER, kapt. W.L. van de Dries (de beide laatste van Rotterdam).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op maandag 7 mei 1860 in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam: de Nederlandse bark DRIE VRIENDEN, groot 359 lasten, te huis behorend te Rotterdam, om NLG 44.100 verkocht aan een te Amsterdam gevestigde rederij.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 7 april. Het schip JOHANNA, kapt. Tonnies, van hier naar Muscat vertrokken, is masteloos uit zee teruggekomen.


09 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoom-Schroefschoener-Rederij.
De ondergetekende, benoemd bij dispositie der arrondissementsrechtbank alhier, d.d. 19 maart 1860 tot curator over de geabandonneerde eigendommen der Stoom-Schroefschooner-Reederij, heeft de eer allen, die enige schuldvordering tegen gezegde rederij hebben, benevens allen, die enige gelden of goederen verschuldigd zijn aan gezegde rederij, uit te nodigen, om de bewijzen hunner schuldvorderingen over te leggen, en het bedrag van het door hen verschuldigde op te geven ten kantore van de ondergetekende, Singel, bij de Oude Spiegelstraat, KK, No. 53, zullende daartoe worden gevaceerd op maandag 14 en 21, benevens op donderdag 31 mei, des voormiddags van 10 tot 12 ure.
Amsterdam, 7 mei 1860 De curator voornoemd: Mr. E.N. Rahusen


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Aangaande het te Melbourne verbrande schip PHOENIX, kapt. Hoxie – zie NRC van 5 mei – (opm: buitenlander, derhalve niet opgenomen) vernemen wij nader dat gemeld schip bijna geheel geladen was, en wel voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij, toen het ongeluk plaats greep. Men heeft het schip doen zinken en een klein gedeelte der lading gered. Op de Rotterdamse beurs is er NLG 75.000 door assuradeurs op gesloten (opm: op de lading).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 5 mei. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) LIBRA, kapt. K.H. Wagenaar, van Newcastle naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is op de Scaw (opm: Skagen) gestrand en zal weg zijn (opm: zie NRC 210560).


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 4 mei. Binnengekomen: DEN ELSHOUT, kapt. E.F. Bonjer, van Batavia naar Rotterdam; Zr.Ms. stoomschip FRANS NAEREBOUT, commandant Verschoor, van Vlissingen naar Brouwershaven. 6 Dito FOP SMIT, kapt. L. Hoefman, van Rotterdam naar Batavia, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis.
5 mei. Uitgezeild: STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Dordrecht naar Londen.
7 mei. FOP SMIT, kapt. L. Hoefman, van Rotterdam naar Batavia.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Publieke verkoop van een schip. Op de 4e juni e.k. zal voor het Commissiehuis van J. Speet publiek verkocht worden het Nederlandse barkschip WATERLOO, gevoerd door kapt. D. Duinker, groot 414 gemeten lasten, met deszelfs inventaris, enz, zo als hetzelve ter rede alhier (opm: Batavia) is liggende.
Nadere informatiën zijn te bekomen te Samarang, Soerabaija en hier bij B. Kopersmit & Co.


10 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 mei. Heden morgen is van Bonaire hier ter rede gekomen Zr.Ms. transportschip HELDIN, commandant Toutenhoofd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 30 april. Het Nederlandse schip SPERWER, kapt. Lambach, van hier met een lading lood, chemicaliën, zijde, wijn, enz. via Adra naar Liverpool bestemd, dat de 20e dezer van hier vertrok om de lading op evengenoemde plaats te completeren, is de 24e daaraan volgende bij Adra verongelukt (opm: zie NRC 280460).


11 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 9 mei. Het alhier van Cardenas om orders gearriveerde Nederlandse schip CATHARINA HERMANNA, kapt. Visser, is lek en heeft steng, tuig, enz. verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 8 mei. Het Nederlandse schip (opm: kof) AALTJE PRONK, kapt. H.B. Schuur, van Bremen naar St. Petersburg, is op Gothland gestrand en zit zeer gevaarlijk. Men is met de berging bezig.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoop van twee stoom schroefschepen.
C. Ament, G.J. Boelen, A. Roland Holst, C.J. Oolgaardt, P.J. van der Aa Gz, P. Reineke, E.C.A. Koli en G. Luber, makelaars, zullen op maandag de 18e juni 1860, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stadsherberg, aan het IJ, ten overstaan van de notaris J.L. Kabel, verkopen:
- Het ijzeren stoom schroefschip GOUVERNEUR VAN EWIJCK, varende onder Nederlandse vlag, gebouwd in het jaar 1845. Volgens meetbrief lang 42 ellen, wijd 5 el 23 duim, hol 3 el 40 duim, en alzo gemeten op 253 tonnen of 133 lasten, na aftrek der machinekamer; voorzien van een paar direct werkende machines van lage drukking van 60 paardenkracht. Vervaardigd in de fabriek van Paul van Vlissingen en Dudok van Heel, alhier
- Het ijzeren stoom schroefschip BURGEMEESTER HUIDEKOPER, varende onder Nederlandse vlag, gebouwd in het jaar 1845. Volgens meetbrief lang 42 el 40 duim, wijd 5 el 15 duim, hol 3 el 42 duim, en alzo gemeten op 257 tonnen of 135 lasten, na aftrek der machinekamer; voorzien van een paar direct werkende machines van lage drukking van 60 paardenkracht. Vervaardigd in de fabriek van Paul van Vlissingen en Dudok van Heel, alhier. Breder volgens inventarissen en bericht bij bovengemelde makelaars.
(opm: het bouwjaar van de schepen is foutief in de advertentie vermeld. Dit moet zijn 1849)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.H.Zoon, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, als last hebbende van hunne meesters, zijn van mening op dinsdag de 22e mei 1860, des middags ten twaalf en een kwart ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, Nº. 499, publiek te veilen: het snelzeilend, gekoperd en kopervast barkschip PADANG, gevoerd door kapt. M.W. Zwart, volgens meetbrief lang 35 el 80 duim, wijd 6 el 93 duim, hol 5 el 37 duim; en alzo groot 592 tonnen of 313 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam. (opm: verkocht naar Noorwegen)
Voorts zal nog afzonderlijk geveild worden een chronometer.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop: de gerechte helft van een wel onderhouden Schip en Veer, varende in de vaste beurt van Sneek op Leeuwarden: waarbij tevens gelegenheid bestaat om een tweede beurt als knecht te bevaren. Te bevragen bij de weduwe A. Dijkstra, op de Pol te Sneek.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. een nieuwe Praam, 9 ton, met roef en zwaarden: bij J. ter Horst G.Wz. te Sneek. Een dito, 7 ton, bij de weduwe Henstra te Langweer.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een of twee scheepstimmerknechten kunnen dadelijk vast werk bekomen bij M.M. van der Werf te Kootstertille.


12 mei 1860


Krant:
 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 8 mei. Binnengekomen: JAPAN, kapt. J. Muller, van Batavia naar Rotterdam; JOHANNES HENDRICUS FERDINAND, kapt. G.H. Lodewijks, van Batavia naar Rotterdam.
10 mei. STAD DORDRECHT, kapt. J.H. Stuit, van Londen naar Dordrecht.
10 mei. Uitgezeild: Zr.Ms. stoomschip FRANS NAEREBOUT, commandant Verschoor, van Brouwershaven naar Vlissingen.


13 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 mei. Kapt. Prak, voerende het Nederlandse kofschip JONKER VAN SLOCHTEREN, van Alicante alhier binnen, rapporteert dat hij de 11e april op 45º06’ N.B. en 08º22’ W.L. geborgen heeft 10 man equipage van het in zinkende staat verkerende Pruissische schip LUDVIG VAN BARTH (opm: mogelijk LUDWIG VON BARTH). Zij waren pas aan boord van de JONKER VAN SLOCHTEREN, toen hun schip in de diepte verdween. De 30e april werden zij door kapt. Prak aan een visserman overgegeven, die hen te Penzance aan land zette.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 mei. Volgens bericht van Batavia, in dato 24/26 maart, is het schip CATHARINA MARIA, kapt. A. van den Tak, de 14e maart bij de hoek van Indramayoe, ¾ mijl van de wal, aan de grond geraakt. De 22e maart heeft de stoomboot BANDA, van Samarang komende, getracht het schip in vlot water te slepen, doch zonder gevolg. De nodige prauwen en koelies waren nu gezonden om het schip te lichten. Volgens brief van kapt. Van den Tak van 22 maart, aan de agenten van het schip te Batavia, zat de CATHARINA MARIA gelukkig gemakkelijk, werkte niet en bleef dicht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 26 maart. Sedert de laatste mail, hebben slechts weinig bevrachtingen plaats gevonden, doch vrachtprijzen blijven steeds vast.
De volgende Nederlandse schepen zijn opgenomen: PETRONELLA CATHARINA verkreeg 45 $ centen de pikol rijst naar Macao; BANTAM, 187 lasten, bedong NLG 6.000 ineens naar Banka en terug; SCHOON VERBOND, 430 lasten, NLG 4.000 ineens, van Samarang naar Batavia, met een lading hout; ALCYONE NLG 70 voor suiker en NLG 60 voor koffij, te Soerabaija en Passaroeang te laden naar Amsterdam; CORNELIA werd door de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht à NLG 67,50 voor suiker te Pekalongan, en NLG 60 voor thee en gom dammar alhier te laden naar Amsterdam; D.T. VISSER, 150 lasten, verkreeg dooreen NLG 1,00 de pikol naar Sydney, en 80 cents de pikol voor kolen terug; VAN DER PALM NLG 57,50 voor rijst te Indramayoe, en NLG 65 voor suiker te Soerabaija naar Rotterdam.
De volgende Nederlandse schepen zijn nog zonder emplooi: SUMATRA, JULIE CLAIRE, JACQUELINE EN ELISE, HOLLANDIA, JACOB, MERCATOR, JACOB EN ANNA, MEDEA, JHR.MR. VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK en CAPELLA.
Het Engelse gouvernement heeft te Hongkong 20.000 ton plaatsruimte aangevraagd tot het transport van oorlogsmaterieel naar Shanghai. Tengevolge hiervan waren vrachten naar Europa tot GBP 4 gestegen, zodat ook een verbetering hier te verwachten is.


14 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 mei. Gisteren is van de werf Koning William op de Kadijk te Amsterdam door de scheepsbouwmeester A. van der Hoog met goed gevolg te water gelaten het voor de marine aangebouwd wordende stoomflotille-vaartuig AMSTEL.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam,13 mei. Volgens particulier bericht is het schip VALPARAISO, kapt. Kok, de 27e februari l.l. van hier te Macassar aangekomen en werd aldaar bevracht à $ 0,55 per pikol naar Hongkong of Macao. Alles wel aan boord.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 mei. Het stoomschip JONGE PAUL, van hier naar Stettin (opm: Szczecin), is, volgens telegrafisch bericht, bij Kopenhagen aan de grond vastgeraakt en had gisteren nog niet in vlot water kunnen komen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg,…… De voor enige tijd bij Höganäs gestrande Hollandse kof GESINA MENSINGA is vlot en hier in de haven gebracht. (opm: zie NRC 250460 en ter plaatse verkocht)


15 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 12 mei. Hedenmorgen werd alhier door kapt. Bowbijes, voerende de Zuid-Hollandsche reddingskotter WILLEM VAN HOUTEN, met onder hebbende manschappen, en twee schippers, van Brunesse (opm: Bruinisse) binnengebracht, het wrak van de in de vorige week op de Banjaard verongelukte Pruissische schoener SABINE.


Krant:

  RC - Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 mei. Binnengekomen FRANÇOIS (opm: schoener hoeker, ex-MERCURIUS), kapt. A. van Eck, van Newcastle.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal op donderdag de 24e mei 1860, des avond 6 uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, finaal verkopen:
1: De helft in het geoctrooieerd Veer en Schip van Leeuwarden op Gorredijk en terug, met de helft in alle toe en aanbehoren van hetzelve; waarop geboden is NLG 525.
2: Een overdekt gewegerd Tjalkschuitje, groot 29 tonnen, met zeil, fok en verder aanbehoren; waarop geboden is NLG 116.
3: Een dito, groot 28 tonnen, zonder tuigage; waarop geboden is NLG 100.
4: Een in besten staat van onderhoud snelzeilende boot, met zeil, 4 fokken en verder aanbehoren; waarop geboden is NLG 110.
5: Een in 1856 nieuw gebouwd Jagt, met stel zeilen, lang 5 el 4 palm, wijd 2 el 2½ palm; waarop geboden is NLG 130 en
6: Een vissersboot, lang ongeveer 4 el; waarop geboden is NLG 46.
Zoals dezelven op de verkoopdagen voor het huis van Brouwer ter bezichtiging zijn liggende, en na de finale toewijzing vrij te aanvaarden.


16 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 mei. Het stoomschip JONGE PAUL, van hier naar Stettin (opm: Szczecin), bij Kopenhagen aan de grond vastgeraakt – zie NRC van 14 mei – is met adsistentie weer in vlot water gebracht. Het heeft geen schade bekomen en de reis voortgezet.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 13 mei. Door het barkschip LYDIA, van Soerabaija naar Rotterdam, was heden alhier geland een gedeelte der bemanning van het schip TRAFALGAR, kapt. Richardson, welke bodem op de reis van Manilla naar Londen de 20e april op 30º N.B. en 42º W.L. gezonken is. Het andere gedeelte der equipage is door het Nederlandse barkschip HUGO GROTIUS, kapt. A.K. Zweede, van Java naar Rotterdam bestemd, gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 18 april. In de nacht van 6 dezer is een pont, beladen met 40 vaten suiker van de plantage Hovyland en bestemd voor het naar Glasgow ladende schip ALKMAAR, in een hevige storm van de zijde van dat schip weg en op strand gedreven, waar zij onmiddellijk vol water liep en de suiker beschadigd werd.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Rotterdam, 12 mei. Gistermorgen te 11 uur werd met de stoomboot TELEGRAAF van Antwerpen, van welke de rouwvlag wapperde, hier aangebracht het stoffelijk overschot van Prins Willem Alexander Ernest Casimir, vierde zoon van Z.K.H. de toenmalige Prins van Oranje, later Koning Willem II en van H.K.H. de grootvorstin Anna Paulowna, de 21e mei 1822 te Brussel geboren, de 22e oktober van hetzelfde jaar overleden en weinige dagen later in de Augustijnerkerk, toen bij de Hervormde Gemeente in gebruik, ter aarde besteld. De overname en plaatsing in de koninklijke grafkelder te Delft geschiedde heden namiddag in tegenwoordigheid van Z.Ex. de minister van buitenlandse zaken en van Z.Ex. de grootmeester van het koninklijk huis, dienstdoende bij H.M. de Koningin-moeder, mitsgaders van de burgemeester van de stad Delft, tevens commissaris van meergemelde grafkelder. (opm: bekort)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

De 11e maart is van Batavia vertrokken het barkschip STAD ZIERIKZEE, kapt. Klein, naar Middelburg.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 11 mei. Binnengekomen: TELEGRAPH, kapt. P.B. Rolufs, van Padang naar Rotterdam; NEDERLAND, kapt. F. Ruyter, van Rotterdam naar New York, gesleept per stoomboot KINDERDIJK binnendoor van Hellevoetsluis.
12 mei. JACOBA, kapt. M.F. Schaap, ZUID BEVELAND, kapt. J. van der Meulen, beide van Batavia naar Rotterdam.
13 mei. SAMUEL HENDRICUS, kapt. A.G. Bouten, van Batavia naar Rotterdam.
Passagiers aangebracht per het Nederlandse barkschip ZUID BEVELAND, kapt. J. van der Meulen, van het eiland Java: mevr. de wed. De Mol en 5 kinderen; de heren J.F.P. Abbema, P. Spinelli en 16 gepasporteerde mariniers.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Publieke verkoping van een fregatschip.
De ondergetekenden zullen op donderdag de 31e dezer op vendutie verkopen voor rekening van belanghebbenden het gekoperd en kopervast fregatschip WILLEM DE EERSTE, gevoerd door kapt. T.J. Niedfeld, groot 483 gemeten lasten, met deszelfs inventaris, masten, rondhouten, zeilen, staand- en lopend want, ankers, kettingen, sloepen, enz, enz, zo als hetzelve alhier ter rede is liggende. (opm: zie volgend bericht)
Abeelen, Dennison & Co


17 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Volgens brief van Macasser van kapt. Niedfeld, voerende het schip WILLEM I (opm: WILLEM DE EERSTE), is de 5e maart l.l. van de rede van Badjoa vertrokken Zr.Ms. stoomschip GEDEH, slepende de schepen LOUIS MEIJER, WILLEM I en PHILIPS VAN MARNIX; ten 1 ure raakte de GEDEH aan de grond, waarop de LOUIS MEIJER op de GEDEH inliep. De WILLEM I, zoveel mogelijk oploevende, liep echter met volle vaart met bakboordboeg tegen de LOUIS MEIJER, waardoor de WILLEM I belangrijke schade aan het voortuig en het schip bekwam en ook aan de grond raakte. De PHILIPS VAN MARNIX kwam daarop met volle vaart op het bakboordhek van de WILLEM I aanlopen, waardoor dit zwaar beschadigd, de heksloep verbrijzeld en veel schade werd toegebracht.
Nadat de WILLEM I een half uur aan de grond gezeten had, is het schip door Zr.Ms. stoomschip PHOENIX weer in vlot water gebracht. Bij nader onderzoek zou men eerst kunnen ontdekken, welke schade het schip inwendig geleden had. Het zou van Macassar door de GEDEH naar Java gesleept worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. Naar men verneemt, is vanwege de Britse regering aan de heer Jan Jans Muntendam, te Rotterdam, kapitein van de alhier tehuis behorende Nederlandse stoomboot CORNELIA, een gouden medaille aangeboden terzake van zijn gehouden gedrag in het opnemen en vervoeren van de passagiers en equipage van de Britse stoomboot SCAMANDER. (opm: zie NRC 050260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 mei. Het schip MINISTER VAN BOSSE, kapt. Sissingh, van Cette (Sète) naar St. Petersburg, is volgens brief van Delfzijl van 12 dezer, aldaar met omvergeworpen lading binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Farsund, 10 mei. De Nederlandse kof ONRUST, kapt. Huisman, van Dordrecht met ijzer naar Stettin (opm: Szczecin) bestemd, is hier gisteren lek en met andere schade binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zullen, op last van hunne meester, op dinsdag de 29e mei 1860, des middags ten 12 ure, in de zaal op de Scheepmakershaven, Wijk 1, Nº. 499, publiek verkopen: de extra snelzeilende, kopervaste Nederlandse schoener GOUVERNEUR VAN DER EB, laatst gevoerd door kapt. N.J.A. Maarschalk, volgens meetbrief lang 22 el 60 duim, wijd 4 el 29 duim, hol 2 el 66 duim, en alzo groot 115 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals dezelve is liggende aan de scheepstimmerwerf van de heren Gebr. Visser, aan de Zalmhaven alhier.


18 mei 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder Pieter de Vries te Bolsward zal, ten verzoeke van de ontvanger L.R. Lantinga aldaar, op donderdag de 24e mei 1860, ’s namiddags te 3 ure, ten huize van de logementhouder D. Wiebes, in de Wijnberg te Bolsward, in het openbaar verkopen: een overdekte gewegerde Tjalkschuit, de JONGE ELISABETH genaamd, met deszelfs complete inventaris, lang 10 el 4 dm, wijd 2 el 79 dm, hol 1 el 31 dm, gemeten op 36 tonnen, alles zodanig gemeld vaartuig, thans in gebruik bij de weduwe A.P. Stallinga, ter bezichtiging is liggende in de Stads Gracht, nabij de Blaauwpoort te Bolsward; dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Aan de scheepswerf te Deinum ligt uit de hand te koop: een best en sterk gebouwd oud Potschip, groot 9 tonnen, en worden aldaar 1 á 2 scheepstimmerknechten verlangd. S.A. Nieuwland


19 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 mei. De 15e heeft men met het ter rede van Vlissingen liggende stoomfregat ZEELAND een proeftocht gemaakt op de Wester-Schelde. Naar wij vernemen hebben schip en machine beiden uitmuntend voldaan. Het schip wordt heden door de vice-admiraal geïnspecteerd en zal vermoedelijk morgen vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Het schip MINISTER VAN BOSSE, kapt. Sissingh, van Cette (Sète) naar St. Petersburg, op de Eems binnen – zie ons vorig nummer – is, volgens brief van Delfzijl van de 15e mei, naar de Paap, een droge plaat tegenover Delfzijl, verhaald om het schip schoon te maken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Het schip (opm: brik) DANKBAARHEID, kapt. E.J. Kooy, van Palermo naar Kroonstad, is de 15e mei te Delfzijl wegens tegenwind binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Het schip ETTINA, kapt. Hinrichs, met tarwe van Cuxhaven naar Rotterdam, is de 15e mei, na zware lekkage bekomen te hebben, op de staart van de Visbalg (opm: Fischerbalje), bij Borkum vastgeraakt, doch na een gedeelte der lading in twee Borkumer visserschepen overgeladen te hebben, af en met assistentie te Delfzijl binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 17 mei. Met het Nederlandse schip HUGO GROTIUS, kapt. Zweede, werd heden alhier aangebracht een gedeelte der bemanning van het Engelse schip TRAFALGAR, welke bodem op de reis van Manilla naar Londen gezonken is (zie NRC van 16 dezer).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven, 16 mei. Het Nederlandse schip CERES, kapt. Manneken, van Remedios naar Amsterdam, is heden morgen bij Bevesier (opm: Beachy Head) op strand geraakt en heeft aldaar 5 uur gezeten. Het is toen, nadat men enige vaten melasse stuk geslagen had (om het vaartuig te lichten), lek en met ontscheept roer vlot en hier op de rede gebracht. Het volgend tij komt het schip in de haven om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 17 mei. Het Nederlandse schip REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. Browning (opm: fregat, kapt. D. Forbes Browning), van Cardiff naar Hongkong, is alhier lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Belmullet, 13 mei. De Nederlandse schoener (opm: brik) NOACH S. LOTINGA, kapt. H.H. Bakker, met een lading tarwe van de Zwarte Zee komende, welke voor enige dagen in Blacksod Bay (opm: Ierland, 54º9’ N.B. 10º0’ W.L.) binnenliep, is in de nacht van 9 dezer aldaar door een 20-tal boten, elk bemand met 8 à 10 koppen, aangevallen, welke het schip van ca. 25 ton van zijn lading beroofd hebben. Alleen aan het verschijnen van een boot, die op het geschreeuw aan boord van genoemd schip te hulp snelde, is het te danken, dat niet meer gestolen is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lerwick, 14 mei. Het te Ostende te huis behorende en van die plaats komende schip ST. MARTIN heeft bij Sumburgh Head op strand gezeten en zoveel schade bekomen, dat het voor sloop verkocht zal worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 mei. Het met hout beladen Nederlandse schip (opm: kof) LUBBEGINA, kapt. J.R. de Boer, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Harlingen, is bij Frelleborg (opm: Trelleborg) gestrand en verbrijzeld. (opm: zie NRC 210560)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Middelburg, 16 mei. Jongstleden zaterdag heeft het Provinciaal gerechtshof in Zeeland uitspraak gedaan in het herhaaldelijk reeds vermelde hoger beroep, door vissers van Arnemuiden ingesteld tegen vonnissen van de rechtbank te Middelburg van de 19e januari j.l, waarbij zij zijn veroordeeld wegens diefstal van strandgoederen van het op de Banjaard gestrande barkschip WITTE CORNELISZOON DE WITH (opm: zie NRC 281158). Bij zeven verschillende arresten in even zo vele gedingen, heeft het hof zich grotendeels verenigd met de vonnissen van de eerste rechter en de schippers met hun bemanning schuldig verklaard aan diefstal van notenmuskaat, doch niet aan die van suiker, uit aanmerking dat hun deze in zeer vuile toestand en beschadigde toestand door de veldwachter is afgestaan. Voorts zijn ook verzachtende omstandigheden in aanmerking genomen, doch de straffen hebben een wijziging ondergaan, uit overweging dat de verhouding tussen de gezagvoerders en de ondergeschikte manschappen zulks noodzakelijk maakt. De zeven gezagvoerders zijn dan ook veroordeeld ieder tot een correctionele gevangenisstraf van zes, en de manschappen elk van drie maanden, terwijl de vrouwen ter zake van medeplichtigheid tot een maand gevangenis werden verwezen. Eindelijk zijn een man en twee vrouwen, die alleen betrokken waren bij de te laste gelegde ontvreemding van suiker, vrijgesproken. (opm: zie ook ZZC 220960)


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 15 mei. Per het schip HUGO GROTIUS, kapt. A.K. Zweede, zijn aangebracht de navolgende passagiers van het eiland Java: de heer majoor Annemaat met vrouw en vier kinderen, de luit. ter zee Von Lesschen, benevens kapt. Richardson met echtgenoot, van het Engelse schip TRAFALGAR met 16 man van de equipage, welke bodem op 29º13’ N.B. en 42º09’ W.L. gezonken is op 21 april 1860 ’s morgens te 11.30 uur volgens tijdmeter aan boord van de HUGO GROTIUS. Genoemde bodem kwam van Manilla en was bestemd naar Londen.
Per het Nederlandse barkschip ECONOMIST, kapt. S.C.J. Olivier, van het eiland Java, de heer en mevrouw Jacobs en kinderen en zes gepasporteerde militairen.


20 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 mei. Gisteren namiddag zijn te Dordrecht met het beste gevolg van de werf van de scheepsbouwmeester Jan Schouten te water gelaten twee verdedigingsvaartuigen der marine, genaamd CLAUDIUS CIVILIS en THOR.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 mei. Het schip STAD DOCKUM (opm: fregat DE STAD DOCKUM), kapt. N. van der Werff, van Boni te Soerabaija aangekomen, is aldaar nagezien en moet koperen, hebbende op een koraalrif gestoten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zullen, op last van hunne meester, op dinsdag de 5e juni 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk I, Nº. 499, publiek verkopen: het snelzeilend, in 1855 gebouwde, gekoperd en kopervast Nederlands campagne-fregatschip ELIZABETH, gevoerd wordende door kapt. H.H. Harms (opm: ELISABETH, waarschijnlijk kapt. H.A. Harms), volgens meetbrief lang 39 el 20 duim, wijd 6 el 26 duim, hol 5 el 34 duim, en alzo groot 582 tonnen of 308 lasten, met al deszelfs rondhout, zijnde de grote en fokkemasten en boegspriet van ijzer, staande en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve is liggende te Amsterdam nabij de Kattenburger brug, over het Zeemanshuis.
Gemeld schip is het laatst in juli 1857 voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht binnen gekomen, hebbende uitgaande op de laatste reis te Cardiff 736 ton steenkolen ingenomen naar Singapore, alwaar het schip gekield en op nieuw nagezien en gekoperd is geworden.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht: een chronometer (acht daagse) van Barrand te Londen Nº. 2102.
Nadere informaties zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaars, en bij de heren de Coningh en Co en J. Corver en Co te Amsterdam.


21 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 mei. Men schrijft uit Amsterdam aan de Midd. Ct. het volgende;
Het uit het Handels en Effectenblad in uw courant overgenomen bericht omtrent de proeven met het ijzeren stoomschip KROONPRINSES LOUISE (opm: zie NRC 010560), bevat gedeeltelijk een onjuiste voorstelling. Gemeld stoomschip, behorende aan de heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel en vroeger in Engeland gebouwd en aangekocht, is ontegenzeggelijk een goede zeeboot van die soort als er in de vaart op de Europese zeeën gebezigd worden, en waarmede met vertrouwen ook een transatlantische reis en een tocht naar Oost-Indië kan ondernomen worden, maar niet een zodanige om bij de tegenwoordige hoogte van ijzeren scheepsbouw tot de uitmuntende en fraaie gerekend te worden. Het heeft bij de proeven zeer goed voldaan en zal ongetwijfeld in Indië tussen de verschillende stations nuttige diensten kunnen doen. Dat de diepgang echter slechts 4 voet zou zijn en het dus voor de rivieren geschikt zou maken (waartegen de grote lengte reeds bezwaren zou opleveren) kwam mij direct onmogelijk voor, en ware dat zo, dan zou het ook daardoor min geschikt voor de grote reis zijn. Toen het hier weer terugkwam, ik meen met de kolenhokken gevuld maar overigens ongeladen, was de diepgang vóór 11 en achter 13 Engelse voeten. Ook heeft er nimmer plan bestaan het voor marine, maar wel voor koloniën aan te kopen, en geloof ik ook niet dat er kwestie bestaat van het aankopen van meerdere; wel worden er in de fabriek der heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel voor dat departement enige kleine vaartuigen van 45 en 80 paardenkrachten vervaardigd, om in Indië te worden in een gezet, voor de speciale dienst op de rivieren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 19 mei. Het schip AGATHA, kapt. Van Slooten, van Messina herwaarts gedestineerd, met schade te Carthagena binnengelopen, had, volgens brief van daar, de reparatie bijna volbracht, en zou de 25e dezer de reis weer aannemen. (opm: zie NRC 180160 en 080460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 mei. Men hoopt de lading van het gestrande schip LUBBEGINA (zie NRC van 19 dezer), nog te bergen. Er is bereids een overeenkomst dienaangaande gesloten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 14 mei. Het op Skagen gestrande Nederlandse schip LIBRA, kapt. Wagenaar – zie NRC van 9 mei – is wrak en men vreest dat er van de lading kolen ook niets geborgen zal worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, H.W. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, als last hebbende van hunne meesters, zijn van mening op dinsdag de 5e juni 1860, des middags ten twaalf en een kwart ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk I, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend Nederlands gezinkte schoenerschip ECONOMIE gevoerd door kapt. J.O. de Jong, volgens meetbrief lang 30 el 3duim, wijd 4 el 93 duim, hol 3 el 17 duim, en alzo groot 209 tonnen of 110 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Zalmhaven te Rotterdam.


23 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 mei. Bij de scheepsbouwmeester F. Kloos te Alblasserwaard is in aanbouw een fregatschip, groot ca. 400 lasten. Dat schip is aangekocht voor rekening van een rederij onder directie van de heer W.K. Sypesteyn te Krommenie, is gisteren gedoopt en heeft tot naam ANTHONY VAN HOBOKEN.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 21 mei. Heden morgen is van hier naar zee gestoomd Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND, gecommandeerd door de kapt. ter zee H. Wipff. Dit schip zal te Lissabon met de fregatten met stoomvermogen EVERTSEN en WASSENAAR tot een eskader verenigd worden, hetwelk onder bevel van genoemde kapitein ter zee gedurende enige maanden in de Middellandse Zee zal kruisen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 22 mei:
- Het Nederlandse barkschip BORNEO, groot 326 lasten, om NLG 9.650 verkocht.
- Een chronometer, om NLG 75 verkocht.
- Het Nederlandse barkschip PADANG, groot 313 lasten, om NLG 10.700 verkocht.
- Een chronometer, om NLG 90 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 mei. Volgens bericht van de consul te Christiansund, is het schip de JONGE NICOLAAS, kapt. A. van Assen, van Archangel naar Vlaardingen, de 4e januari van Smölen, 3 mijl van Christiansund, vertrokken, en heeft men sedert daarvan niets vernomen. (opm: eerder vermeld NRC 210460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pernau (opm: Pärnu), 2 mei. De Nederlandse schoenerkof MARGARETHA AIKINA, kapt. J.S. op ’t Holt, van Rotterdam op hier bestemd, heeft 24 april in de nabijheid van Salis (opm: Salacgrïva) op een steenbank gestoten en is de volgende dag gezonken. De bemanning en een gedeelte der takelage is gered.


24 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven, 21 mei. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip CERES, kapt. Manneken, van Cuba naar Nederland – zie NRC van 19 dezer – is heden nagezien en zal na tijdelijke reparatie de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notaris D. Uyttenhoove zal op donderdag de 14e juni 1860, des namiddags ten drie ure, te Middelburg, in de bovenzaal van de sociëteit de Vergenoeging, op de Groote Markt, in het openbaar te koop veilen: het Nederlands sloepschip, genaamd SINE NOMINÉ, gemeten volgens meetbrief op 65 tonnen, met deszelfs mast, zeilen, staand en lopend want, ankers, touwen en verdere scheepsinventaris, liggende in de haven te Middelburg. Twee dagen vóór de verkoping voor een ieder te zien.
Zijnde inmiddels uit de hand te koop. Informatiën te bekomen ten kantore van de heren de Groot en Hector, te Vlissingen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 mei. Aangaande het met averij te Queenstown binnengelopen Nederlandse schip REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. Browning, van Cardiff naar Hongkong – zie ons nommer van 19 dezer – vernemen wij heden uit een schrijven van de kapitein in dato Queenstown 17 mei, dat het schip van 10 tot 12 mei hevige stormen had doorgestaan waardoor het zwaar werkte en lek sprong. Het dek was mede opengescheurd, men had een marszeil verloren en meer andere schade bekomen, zodat men genoodzaakt was geweest terug te keren en een noodhaven op te zoeken. De equipage was wel, doch zeer afgemat.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Seaham, 20 mei. Aangekomen. ADOLF EDUARD, Teensma, van Middelburg. (opm: na op 8 juni opnieuw met een lading kolen van Seaham naar Middelburg te zijn vertrokken is de schoener-kof ADOLF EDUARD onder kapt. Geert Teensen Teensma vermist)


25 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cork, 21 mei. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. Browning – zie NRC van gisteren – is heden aan de Royal Victoria Dockyard gehaald om te lossen en te timmeren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 mei. Volgens bericht van de monden van de Weser, d.d. 22 mei, des avonds, was de Nederlandse tjalk NOOIT GEDACHT, schipper Van der Meulen, met een lading gerst van Rostock naar Bremen bestemd, aldaar zwaar lek op strand gezet.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een in besten staat onderhouden Schuiteschip, groot 29 ton, met besten inventaris. Te bevragen bij de eigenaar H.W. Tadema te Welsrijp en inlichtingen te bekomen bij J.H. Tadema, veerschipper te Surhuizum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop bij G.A. Boomsma te Berlikum: een overdekt Snikschip, groot 4 ton, met zeil en treil.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op zaterdag de 6e juni 1860, zullen, des voormiddag ten 11 ure, ten huize van de heer J. de Goede, aan de Bierkade te Alkmaar, ten overstaan van de notaris S.A. de Lange, ter verkoop worden aangeboden: twee bij uitnemendheid goed onderhouden ijzeren jaagschuiten of barges, gediend hebbende tot de vaart tussen Alkmaar en Den Helder; de ene genaamd NOORD-HOLLAND, groot 21 ton, en de andere, genaamd DOLFIJN, groot 20 ton, beide met daarbij behorende inventaris en liggende aan de Bierkade voormeld, alwaar zij dagelijks kunnen bezichtigd worden.
Inlichtingen zijn te bekomen zo ten kantore van voornoemde notaris als bij de notaris S. Heinis te Westzaan en bij de heer C. Koeman te Alkmaar.


26 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 23 mei. Gedurende de gehele nacht heeft men assistentie verleend aan het in de mond der Weser op strand gezette Nederlandse tjalkschip NOOIT GEDACHT, kapt. Van der Meulen, van Rostock naar Bremen – zie ons nommer van gisteren – en met dat gelukkige gevolg dat het schip heden middag is vlot gekomen en thans naar binnen zeilt. Het schip heeft slechts een onbeduidend lek.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 mei. De Nederlandse kof ROELFINA ROELINA, kapt. J.J. Lula, de 2e november 1859 van de Sulina naar Falmouth vertrokken, is kort na het vertrek in een hevige storm in de Zwarte Zee met man en muis verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 mei. Aangaande de Nederlandse galjoot JACOBA GESINA (opm: schoener JACOBA GEZIENA, zie ook NRC 200360), kapt. De Groot, mede 2 november van de Sulina naar Falmouth vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 24 mei. De Nederlandse bark het GOEDE VERTROUWEN, kapt. Kraan, van ’t Nieuwediep naar Batavia, is gisteren avond op het Shipwash Sand aan de grond geraakt, doch kwam na 2 uur gezeten te hebben zonder adsistentie vlot en passeerde om de Zuid.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 24 mei. Het schip DIANA, kapt. Hansen (opm: vermoedelijk buitenlander), van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Hartlepool, is bij Pillau (opm: Baltyisk) gezonken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 22 mei. Het alhier om order van Rio Grande gearriveerde schip JOHANNA, kapt. Meedendorp, is lek.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Te koop het Nederlandse barkschip JAN PIETERSZOON KOEN, liggende ter rede Batavia, thans nog gevoerd door kapt. P.A.C. Hugenholtz, groot 563 tonnen, en ladende ongeveer 11.000 picols. Het schip is voorzien van een ruime en goed geconditioneerde inventaris van zeilen, ankers en kettingen en is dagelijks door gegadigden te bezichtigen.
Nadere informatiën bij de heren Schimmelpennick & Co te Soerabaija, bij de heren Dorrepaal & Co te Samarang en bij de gezagvoerder alhier, dan wel bij de agenten Haager en Schuurman. (opm: het schip is in november voor NLG 21.000 verkocht, zie NRC 130161)


Krant:

  JB - Javabode

Riouw. Op de 14e april werd het bericht ontvangen, dat de enige dagen te voren van hier vertrokken Nederlands-Indische bark SALAK, komende van Samarang en bestemd van China via Singapore, nabij het eiland Bintang was gestrand. Op verzoek van de gezagvoerder om hulp, stoomde Zr.Mr. schroefstoomschip VICE ADMIRAAL KOOPMAN de 17e naar Bintang, en het gelukte deze bodem na veel inspanning de bark in vlot water te brengen, welke daarop de reis naar Singapore vervolgde.


27 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. Heden is te water gelaten op de werf Yhoek (opm: te Amsterdam) der scheepsbouwmeester J.F.P.A. Abbema het schoenerschip ANNA MARIA, groot 108 gemeten lasten, gebouwd voor rekening van kapt. J.P. van der Kooy te Maassluis, en dat door hem zelve zal worden gevoerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. Gisteren avond zijn van de werf van de heer Jan Schouten te Dordrecht te water gelaten de voor rekening van ’s Rijks marine gebouwde verdedigingsvaartuigen WODAN en POLLUX.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Door de makelaars Montauban van Swijndregt en Van Dam, te Rotterdam, zal worden geveild op dinsdag de 5e juni 1860, des middags ten 12½ ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, het snelzeilend Nederlandse sloepschip ANNA, gevoerd door kapt. L. Staal, volgens meetbrief lang 14 el 40 duim, wijd 3 el 68 duim, hol 2 el 15 duim, en alzo groot 51 tonnen of 27 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereed- schappen, zoals hetzelve is liggende in de Haringvliet Zuidzijde te Rotterdam.


29 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 april. Vrachten. Sedert het laatste bericht is geen verandering in de vrachten gekomen, en was de beschikbare scheepsruimte niet groot, zo was zij toch tot de hoeveelheid van het af te schepen product geëvenaard. Men kan nu dagelijks de schepen der Bonische expeditie tegemoet zien, waardoor een verflauwing der vrachten wel veroorzaakt zou kunnen worden, te meer, daar weinig product te verschepen blijft en de behoefte aan scheepsruimte voor China luttel is. Wij hebben heden de volgende transacties te rapporteren.
Naar Nederland: de Nederlandse ALCIJONE (opm: ALCYONE) à NLG 70 voor suiker en NLG 60 voor koffij; AMSTEL à NLG 65 en NLG 67,50 voor suiker en NLG 50 voor tabak, beiden hier en te Passaroeang naar Amsterdam te laden; STAD DOKKUM (opm: DE STAD DOCKUM) à NLG 70 voor suiker in kranjangs en zakken en NLG 50 voor tabak van hier naar Amsterdam; H. VINCENTIUS VAN PAULO nam koffij à NLG 60 en tabak à NLG 50 ter opvulling aan.
Naar China: het Nederlandse schip SUMATRA, via Samarang en Singapore naar Amoij met 130 dekpassagiers voor 7.600 dollars.
Het Nederlandse schip D.T. VISSER gaat denkelijk naar Australië.
Disponibel zijn de Nederlandse schepen JACOB en HOLLANDIA.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op heden den vijf en twintigste mei des jaar een duizend acht honderd en zestig heb ik Louwrens Harmenzon, deurwaarder bij het Provinciaal Gerechtshof van Friesland, wonende te Leeuwarden, als zodanig beëdigd, het patent over het lopende dienstjaar niet bekomen hebbende, ten verzoeke van Tjitske IJsbrands Mulder, zonder beroep, wonende te Harlingen, huisvrouw van Rintje de Boer, hierna genoemd, domicilie kiezende ten kantore van Mr. Johannes van der Veen, procureur bij de Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden, wonende aldaar, die in dezen als zodanig voor haar occupeert, uit kracht van het verlof verleend bij het vonnis der Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden van den 8 mei 1860 (behoorlijk geregistreerd), ten eerste male gedagvaard:
Rintje de Boer, in der tijd Koopvaardij Kapitein ter Zee, gedomicilieerd te Harlingen, doch thans afwezig, en dien ten gevolge mijn exploit doende bij aanplakking aan de voorname deur der vergaderplaats van de Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden en aan het huis der gemeente te Harlingen, terwijl ik een afschrift dezes, alsmede afschrift van het vonnis houdende verlof tot het doen dezer eerste openbare dagvaarding, heb overgegeven aan den Edel Achtbaren Officier bij voornoemde Rechtbank, die het oorspronkelijke met gezien heeft getekend, zullende hetzelve voorts in het Algemeen Amsterdamsch Handelsblad en de Leeuwarder Courant worden geplaatst, om, na verloop van drie maanden, en wel op dinsdag de elfde september achttien honderd en zestig, des voormiddag te tien ure, bij Procureur te compareren voor de Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden, zitting houdende in het Paleis van Justitie aldaar, ten einde:
Aangezien gedaagde op den 26 april 1800 zeven en vijftig met het Nederlandse Smakschip, genaamd ALIDA ELISABETH, is vertrokken van Harlingen naar Londen, zonder dat er immer enige tijding van hem is ingekomen, doch dat, volgens ingewonnen berichten, er alle vermoedens bestaan, dat dit schip de 27e april daaraanvolgende op de Engelse kust en wel op Bassowzand met man en muis is vergaan, zodat dan ook sedert die tijd niets van hem is vernomen (opm: zie NRC 270557):
Aangezien thans meer dan drie jaren na het vertrek van gedaagde zijn verlopen, zonder dat enig bewijs is ingekomen van zijn aanwezen of van zijn overlijden:
Aangezien er alzo rechtsvermoeden van overlijden van den gedaagde bestaat, en zulks sedert de 27e april 1800 zeven en vijftig, en de requirante in hare betrekking van echtgenote er belang bij heeft dat zulks bij vonnis door voornoemde Rechtbank worde verklaard, ten einde aan haar als achtergebleven echtgenote vergunning worde verleend, om een ander huwelijk aan te gaan;
Mitsdien aan gemelde Rechtbank, hetzij in persoon, hetzij door iemand van zijnentwege, van zijn aanwezen te doen blijken; den gedaagde tevens aanzeggende, dat, ingeval noch de gedaagde, noch iemand voor hem, op deze dagvaarding, bij voorafgestelde Procureur, mocht opkomen, en alzo niet behoorlijk van zijn aanwezen mocht blijken, door de requirante zal worden geconcludeerd, dat haar daarvan zal worden verleend acte en tevens verlof tot het doen van ene tweede openbare dagvaarding, en zulks met reserve van kosten.
De kosten dezes zijn elf gulden drie en dertig en een tweede cent.
Exploit: NLG 0,75 L. Harmenzon
Schrijfloon: NLG 1,20 Gezien bij mij Officier bij de Rechtbank te Leeuwarden
Zegels: NLG 1,38
Visa: NLG 0,30 (get.) J.M. van Beijma
Aanplakken: NLG 0,60
Afstandgeld: NLG 6,00
Registratie: NLG 1,10½
NLG 11,33½
Geregistreerd te Leeuwarden den vijf en twintig mei 1800 en zestig, deel 42, folio 81, recto vak 2, een blad, geen renvooi. Ontvangen voor recht NLG 0,80, voor 38 opcenten NLG 0,30½, te samen een gulden tien en een tweede cent.
De ontvanger, Van Nooten


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie Kweekschool voor de Zeevaart
Jongelingen, die genegen zijn, om op de Kweekschool voor de Zeevaart te Groningen kosteloos onderrigt te genieten, teneinde later op ’s Lands Vloot te worden geplaatst, kunnen zich ter toelating op die school aanmelden bij de commissie van oppertoezigt, op woensdag de 5 juni e.k, des namiddags te 4½ uur, op het stadhuis. Inlichtingen kunnen bekomen worden bij de ondergetekende.
Namens de Commissie voornoemd: W.C.A. Alberda van Ekenstein,
Secretaris


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie Leer, Delfzijler, Eems-Stoomboot-Maatschappij
De algemene vergadering der Leer, Delfzijler, Eems-Stoomboot-Maatschappij zal plaats hebben op zaterdag de 8e juni e.k, ten huize van de logementhouder Voogd, te Leer.
De stoomboot zal tot dat einde zaterdag om 1 uur van Delfzijl naar Leer, en zondag de 9e, namiddags 1½ uur, van Leer naar Delfzijl terug varen, waarbij de heren aandeelhouders vrije vaart hebben.
Namens de directie: H.K. Smaal, agent.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Wordt uit de hand te koop gepresenteerd: het schip, de JONGE MARGARETHA, genaamd, varende in de beurt van Engwierum op Leeuwarden.
Te bevragen bij Lieuwe Visser te Dokkumer Nieuwe Zijlen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Veerschip, met zeil en treil, groot 16 ton, bij O.L. Lantinga, scheepsbouwmeester te IJlst.


30 mei 1860


Krant:
  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van het stoomschip SAMARANG PACKET. Op een nader te bepalen dag tegen het midden van de maand juni zullen de ondergetekenden in het openbaar alhier verkopen het ter rede van Samarang liggende stoomschip SAMARANG PACKET, gezagvoerder J. Scheel, met al deszelfs staand en lopend wand en volledige inventaris.
Nadere informaties te bekomen bij de ondergetekenden en bij de gezagvoerder voornoemd te Samarang.
De liquidateurs van de firma Levert en Co:
Van Delden, S.J. van der Meulen en N.P. van der Berg


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Te koop het Engelse gekoperde en kopervaste barkschip ELEANOR, A.1. Lloyd’s, 410 ton register, ladende 550 ton, met deszelfs complete inventaris zoals hetzelve thans is liggende op de rede alhier (opm: Batavia). Het schip vertrekt binnen enige dagen naar Soerabaja en kan aldaar ook bezichtigd worden.
Informatiën bij de agenten Burt, Myrtle en Co.


31 mei 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 28 mei. Volgens gerucht zit buiten een schip aan de grond. De equipage-reddingsboot is derwaarts vertrokken. Er is verder nog niets naders bekend.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 21 mei. Het Nederlandse schip HILLECHINA VOS, kapt. Lever, beladen met rogge, heeft bij Hapsal (opm: Haapsalu) gestoten en daardoor een lek bekomen. Het zal zo mogelijk hier komen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 4 april. De met schade geretourneerde en later afgekeurde Nederlandse schepen E.W. VAN DAM VAN ISSELT en NEÊRLANDS KONINGIN zijn beiden verkocht. Van eerstgenoemde bedong de romp NLG 12.450 en de inventaris plm. NLG 11.000; van laatstgenoemde de romp NLG 5.100 en de inventaris plm. NLG 11.600.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 4 april. Het Nederlandse schip STAD SCHIEDAM, alhier in averij binnen, zal denkelijk afgekeurd worden. (opm: zie JB 140460)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 4 april. De Nederlandse bark PER ASPERA AD ASTRA heeft de reparatie geëindigd en neemt de lading weer in.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 mei. Volgens de Haarlemsche Courant zijn bij Zandvoort twee schepen het onderst boven en een zonder bemanning op strand geworpen. Naar men verneemt zat daar heden nog een Nederlandse brik op strand, van welke men de bemanning trachtte te redden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 30 mei. Heden nacht is men begonnen met de lading te lossen uit de gestrande stoomboot THERÈSE, kapt. Bruce. Men denkt dat er nog mogelijkheid zal bestaan om het schip af te brengen. De door de politie voor, gedurende en na de stranding gehandhaafde orde wordt weder zeer geroemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 30 mei. Aan de Noord moet, volgens zeggen van uit zee gekomen vissers, een stoomboot op zijde liggen, die twee noodvlaggen gehesen heeft. Er bestond geen mogelijkheid het vaartuig te naderen; men kon alleen aan eigen behoud denken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 29 mei. Heden morgen is op de Noorderhaaks gestrand de Zweedse brik IRIS, kapt. Wahlborg, met rogge van Stockholm naar Rotterdam. De equipage is door de loodsschuit, schipper Griek, gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 29 mei. Op Texel is gestrand een Hamburger stoomschip met vee en passagiers. Zes man der opvarenden, waarvan een zwaar gewond, zijn met een sloep alhier aangekomen. Nog een tot nu toe onbekend driemastschip, benevens twee kleinere schepen zijn op Texel gestrand.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 29 mei. Bij Callandsoog zit een Noorse brik op het strand.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 mei. Heden nacht ten 1½ ure strandde ten westen deze haven de Belgische bark ÉMILE, kapt. Glabbeke (opm: Pierre van Glabbeke), met zout van Lissabon komende en bestemd naar Ostende. Dezelve is ten 4 ure weer vlot gekomen en in zinkende staat binnen ‘s rijks marinedok gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 mei. De Zweedse brik NORDEN, kapt. Svensen, van Stockholm naar Genua, is bij West- Capelle gezonken. Een man der equipage is verdronken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 28 mei. De Nederlandse bark J.C. SCHOTEL, kapt. Holle, heeft onder Duins (opm: The Downs) anker en ketting verloren, doch is daarvan opnieuw voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 28 mei. Het alhier ter rede liggende Nederlandse oorlogsschip ZEELAND is gisteren van de ankers geslagen en op een ander schip gedreven, tengevolge waarvan beide de kluiverboom verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 27 mei. De Belgische brik CHARLES HENIN, kapt. Richmers (opm: CHARLES-HENRI, kapt. J.J. Rickmers), van Antwerpen naar Bombay, is alhier met schade binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Redcar, 28 mei. Het Nederlandse schip (opm: tjalk) RENSKE, kapt. Nepperus, alhier op strand gedreven was van Southampton naar Newcastle bestemd. Het vaartuig heeft anker, ketting en zwaarden verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 28 mei. De Nederlandse galjoot DRIE GEBROEDERS AMERIKA, kapt. Kroos, alhier van Samos gearriveerd, is in de storm van gisteren van de ankers geslagen en achter de Hannoverse haven op strand gedreven. Het schip heeft op dit ogenblik nog geen schade bekomen maar zit toch gevaarlijk.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Voorlopige annonce. In de maand juni 1860 zal op nader te bepalen dag en plaats publiek te Hellevoetsluis worden geveild het kofschip HEILINE genaamd, met deszelfs beide masten, staand en lopend want, rondhout, ankers, kettingen en verdere inventaris. Inmiddels uit de hand te koop.
Nadere informatie ten kantore van de notaris H.K. Vlielander te Hellevoetsluis.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Reval (opm: Tallinn), 21 mei. Uit Hapsal (opm: Haapsalu) is alhier per telegraaf het bericht ontvangen, dat het schip (opm: kof) CATHARINA ELISABETH, kapt. Lever, beladen met 52 last rogge, op een steen heeft gestoten en daardoor lek is geworden. Men zou het schip, zo mogelijk, naar hier brengen, teneinde gerepareerd te worden.


01 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. Heden is alhier gestrand de Engelse brik EARL TALBOT, kapt. Manson, van Newcastle naar Dordrecht; de Zweedse brik DOROTHEA, kapt. Lindstrom, van Wisby naar Antwerpen en nog een Engelse brik, vermoedelijk de WALKER, kapt. Haynes.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zandvoort, 30 mei. In de vroege ochtend van eergisteren strandde anderhalf uur bezuiden deze gemeente een brik, welke voor de derde bank wegzonk en waarvan de bemanning zich in de mast trachtte te bergen. In weerwil van de krachtigste en herhaalde pogingen van de bemanning van de Zandvoordse reddingsboot, is het aan deze niet mogen gelukken, het wrak te bereiken, vermits zij telkens door de hevige branding werd teruggeslagen en de manschappen ten enenmale werden afgemat. Enige tijd daarna werd de wind westelijker en de zee iets kalmer en wendde men pogingen aan om de reddingsboot opnieuw te bemannen, waartoe zich eindelijk 4 Noordwijkers, 2 Zandvoorders en een Egmonder aanboden. Deze hadden het geluk het wrak te bereiken, op hetwelk zich slechts een levend mens aanwezig was, die zij dan ook grepen, maar die zich ongelukkig had vastgebonden, derwijze zodanig dat, toen de boot opnieuw door een golf werd teruggeslagen, ook deze laatste schipbreukeling is verdronken. Tot nu toe is niets nopens de naam of de bestemming van het schip bekend en weet men alleen dat het bij het stranden een Nederlandse vlag vertoonde.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zandvoort, 30 mei. Gisterennacht is alhier een Frans schip, in ballast, gestrand. De bemanning, bestaande uit 6 man, is met haar eigen sloep behouden aan wal gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. De Zweedse brik IRIS, gisteren bij de N. Haaks gestrand, is geheel verbrijzeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. De Engelse stoomboot in de Eijerlandsche gronden gestrand, is de HARBURG, kapt. Wittingham, van Hamburg met vee naar Londen. Schip en lading zijn weg en twee man van de equipage verdronken. Bijna 2.000 stuks vee, schapen en koeien en kalveren moeten dood op het strand zijn aangespoeld. Twee man van de equipage zijn omgekomen. De boot zal weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. Schipper Visser, van de Texelse loodsboot no. 6, rapporteert in de Noordzee gevist te hebben een sloep, waarop met ingesneden letters SIBYL COLCHESTER en aan de buitenkant JOHN BARRINGTON.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. Het schip TERRANOVA, kapt. Pedersen, van Christiana (opm: Christiania, nu Oslo) naar Bordeaux, is de 29e mei bij Callantsoog gestrand, doch het volk gered. Men zou misschien de lading kunnen bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. Door de kapitein van de Texelse stoomboot is opgevist een zeemanskist zonder deksel, waarin onderstaand adres aan een spijkertje: An den Kajutsjungen Fritz Kleinhamer, fährt auf das Schiff DIE TRAUBE, Kapitän J. Lange. - W.M. Brown, Atkinson & Com. Oldr: Schiffsmäckler, Hull in England.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. De Zweedse schoener SEMAHA, kapt. Pipke, met een lading gerst naar Londen, is in de Eijerlandsche gronden gestrand; schip en lading zijn weg, de equipage is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 29 mei. Het schip ANTJE, kapt. De Haan, van Bremen naar Amsterdam, is alhier tegen de dijk gestrand en wrak geworden. De lading wordt geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 mei. De Noorse schoener ABRAHAM of HERMAN, beladen met hout en door de equipage verlaten, is door de Texelse loodsboten No. 3 en No. 4 in de Noordzee drijvende gevonden en alhier binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. Treurig was voorwaar het ontwaken van Egmonds ingezetenen, daar bij het aanbreken van de morgen zich een brik voor het dorp vertoonde, waarvan de bemanning zich in levensgevaar bevond. Terstond snelde, onder directie van de heer T. Planteydt, directeur van de alhier gevestigde afdeling van de reddingsmaatschappij, de bemanning van de reddingsboot toe, ten einde zo mogelijk de ongelukkigen te redden. Onderwijl had de kapitein voorzien van een stuk hout zich te water begeven en had het geluk, alhoewel bijna bewusteloos, de wal te bereiken. Een matroos waagde na hem de stoute sprong, doch vond de dood in de golven. Het mocht de directeur niettegenstaande alle aangewende middelen nog niet gelukken de verdere bemanning te redden, uitgezonderd een matroos, die zich ook met zwemmen poogde te redden en voorzeker zou zijn verdronken, zo niet de manschap van de reddingsboot met bovenmenselijke inspanning hem had gered. De brik was de EARL TALBOT, kapt. Manson, van New Castle naar Dordrecht, beladen met steenkolen.
Ondertussen strandde zuidelijker weer een brik, vermoedelijk de WALKER, kapt. Haines. Hoewel met tegenzin, moest de ijverige directeur, daar voor dit ogenblik alle pogingen vruchteloos waren, het hier opgeven, teneinde zo mogelijk ginds zekerder hulp te verschaffen. Doch voordat de reddingsboot kon naderen zag men het schip uit elkander slaan, zodat de bemanning reddeloos verloren was.
Niet lang daarna strandde de Zweedse brik DOROTHEA, kapt. Lindström van Wisby naar Antwerpen, geladen met hout. Hier werden de pogingen van de redders beloond, daar het hun mocht gelukken de gehele bemanning, uit acht personen bestaande, te redden en gelukkig aan land te brengen.
Thans waren er nog drie mensenlevens van de EARL TALBOT te redden. Niettegenstaande het hartverscheurende gekerm om hulp, moest men evenwel wachten tot dat de stand van water toeliet opnieuw pogingen in het werk te stellen. Door de directeur persoonlijk aangemoedigd, beproefde de equipage van de reddingsboot thans weer het schip te bereiken, hetwelk, na bijna twee uren inspanning, gelukte. Toen de boot met de geredden het strand bereikte, weergalmde de lucht van toejuichingen. Ere zij de bemanning van de reddingsboot, maar vooral de directeur, de heer Planteydt, door wiens ijverige pogingen opnieuw enige mensenlevens zijn gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 mei. Men schrijft uit Vlissingen aan de Amsterdamsche Courant het volgende: Na al hetgeen reeds over de storm werd bericht, verdient het volgende nog opzettelijke mededeling:
Een Belgisch schip met zout geladen van Liverpool, is door de Belgische loodssloep, daar het vaartuig door de bemanning was verlaten, in 's rijks dokhaven binnengebracht. Tevens verdient de navolgende menslievende daad eervolle vermelding: schipper Stokker, varende de Belgische schroefstoomkotter no. 5, ontmoette in de afgelopen nacht, in de Noordzee, bijna 12 mijlen van Westkapelle, een stuk van het wrak van het Zweedse schip NORDEN, van Stockholm, kapt. Schwenson, met hout en ijzer geladen. De bemanning van de kotter hoorde het geschreeuw om redding van een negental ongelukkigen, die te midden van de vreselijke storm reeds tien uren op dat stuk wrak met de dood worstelden. Door de duisternis kon men hen aanvankelijk niet opmerken, doch de brave Stokker verliet de rampzaligen niet; met de eerste morgenstraal kwam hij, ondanks het gevaar door de ontzettende branding, hen nabij. Men zette de boot uit, en had de strelende zelfvoldoening de negen mensen te redden. Dit was de brave bemanning van de kotter niet genoeg; de negen ongelukkige schipbreukelingen, uitgeput, bijna stervende van lijden en gebrek, meest van hunne kleren beroofd, werden aan boord van de kotter met de meest liefderijke zorg gevoed en verwarmd; de edele Belgische zeelieden ontdeden zich als om strijd van hun kleren, om de zo geteisterde Zweden te bedekken. Zij brachten de schipbreukelingen hier aan wal, welke in een herberg werden opgenomen.
Op het ogenblik komt in de dokhaven alhier binnen, schipper Van der Staal, voerende de Nederlandse loodskotter no. 2, aan boord hebbende de door hem, op de hoogte van Maasbank, in de Noordzee geredde bemanning van de Noorse bark EXPRESS, kapt. Johansen, van Gotenburg naar Bordeaux, welk vaartuig hij met gekapte masten in zinkende toestand vond. Na vijf vruchteloze pogingen om de dertien in doodsgevaar verkerende mensen te redden, beproefde die waardige mensenvriend die reeds zo menig blijk van koen beleid en zelfopofferende mensenliefde in het redden van schipbreukelingen gaf, een zesde poging, met groot levensgevaar van zijn brave bemanning en ook zijn edel streven werd door de Voorzienigheid gezegend; hij bracht de dertien schipbreukelingen hier behouden aan wal. Kapt. Johansen is door het kappen van de grote mast zwaar aan het been gewond en wordt doelmatig verzorgd. Ere zij de brave en onversaagde Van der Staal, die zo waardig de voetstappen van de grote Frans Naerebout in ware zeemansheldenmoed drukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 29 mei. Op de Biesemernok (opm: bedoeld zal zijn Rysumer Nacken) is vergaan de Hannoverse kof FLORA, kapt. Ceringa, van Emden met haver naar Engeland gedestineerd. Het is kapt. Lodewijks van Delfzijl mogen gelukken de equipage, bestaande uit drie man, te redden en alhier behouden aan wal te brengen. Volgens rapport van genoemde kapitein waren in het gezicht nog twee schepen in nood.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 31 mei. Het is thans gebleken dat de schoener die sedert dinsdagnacht voor Ter Heyden ten anker heeft gelegen – zie N.R.C. van 30 mei – is de Franse schoener AMELINE, kapt. Gouraud met boekweit van Nantes naar Amsterdam bestemd. Dezelve heeft zich heden van water voorzien en weer zee gekozen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Katwijk aan Zee, 30 mei. Hedenmorgen zijn door twee vissersbommen die huiswaarts keerden in zee ontmoet een driemastschip dat van het volk was verlaten en dat tevens de victualie had meegenomen. Van de twee bommen is een bij het schip gebleven om het op sleeptouw te nemen en in Texel binnen te brengen; het schip was geladen met hout en had nog slechts geringe schade geleden. De heden alhier aangekomen schippers rapporteren dat zij buiten het gezicht van de kust een massa vaartuigen gezien hebben, alle deerlijk gehavend, alsmede dat zij vele goederen hebben zien drijven en wel balen stukgoederen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Noordwijk, 29 mei. Een Noorse brik, gevoerd door kapt. Poulsen, van Tonsberg naar Honfleur, is alhier gestrand, doch het volk gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. De Noorse schoener ABRAHAM of HERMAN, beladen met hout en door de equipage verlaten, is door de Texelse loodsboten No. 3 en No. 4 in de Noordzee drijvende gevonden en alhier binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. Het Nederlandse schip (opm: kof) LUCRETIA, kapt. A. Bracht, van Riga naar Schiedam, is alhier met overgeworpen lading en andere zeeschade binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. Gisteren zijn in de Eijerlandse gronden vervallen twee schepen, volgens zeggen een bark en een schoener, de namen onbekend, men heeft nog niet aan boord kunnen komen; langs het strand aldaar dreef veel wrakhout en was tabak en koffij aangespoeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 29 mei. De Engelse vissersschuit FAVORITE OF YARMOUTH, waarschijnlijk gevoerd geweest door kapt. Johnson, is op Vlieland met man en muis verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 30 mei. Naar wij vernemen, is eergisteren nevens Kimswerd, gemeente Wonseradeel, komen aandrijven een verbrijzeld vaartuig, niet bemand, terwijl gisteren te Makkum is aangebracht de tuigagie afkomstig van het schip COQUETTE, kapt. Meter.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 mei. De Noorse bark EXPRESS, kapt. Johansen, van Gotenburg naar Bordeaux, is in zinkende staat verlaten. De equipage is alhier aangekomen (opm: zie o.a. NRC 060660).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gotenburg, 25 mei. Het schip ELSINA (opm: kof ELSIENA), kapt. K.T. Mulder, van Grangemouth naar St. Petersburg, alhier met schade binnengelopen, zal zonder lossen de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockholm, 25 mei. De te Groningen te huis behorende kof ANNEGINA, kapt. J.I. van der Woude, van Newcastle met kolen en stenen naar St. Petersburg, is in de nacht van 18 op 19 dezer op onze kust gestrand. Het volk is gered, doch men vreest dat het schip weg zal zijn.
(opm: dit is het einde van de zeemansloopbaan van de inmiddels 66-jarige kapitein Jan Imes van der Woude; hij koopt geen schip weer en gaat rentenieren).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping. Op donderdag 7 juni 1860, des morgens om 10 ure, te Ter Heijde, zal ten overstaan van Mr. J.P. de Fremery, notaris te 's Gravesande, worden verkocht de romp met masten en want van de Franse schoener ARIËL, benevens 4 boten, masten, rondhouten, zeilen, touwwerk, kettingen, ankers, kabels en wat verder tot de inventaris van een schip behoort, en eindelijk een massa wrakhout.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.L.M. van Kruijne, notaris te Brielle, als lasthebbende van zijn principaal, is voornemens binnen de stad Brielle, op de Turfkade, op maandag de 4e juni 1860, des middags ten 12 ure, om contant geld te verkopen: ankers, zeilen, kettingen, touwwerk, rondhout enz, alles geborgen van de Franse schoener FELICIE, kapt. Charron, benevens het wrak van hetzelfde schip, zittende op de Noordergronden van de Maas.
Informatie te bekomen bij de heer P. Gallas, Frans consulair agent te Hellevoetsluis en ten kantore van voornoemde notaris.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 30 mei. De storm van l.l. maandag (opm: 28 mei) overtrof nog verre die van de vorige dag en heeft hier veel schade aan huisgevels, daken en schoorstenen veroorzaakt. De bomen en heesters, die in hun eerste lentegroen prijkten, vertonen zich nu kaal of met enig zwart loof ontsierd. Ook op zee hebben vele ongelukken plaatsgehad.
Gisteren morgen kwam hier beschadigd en lek binnen, met verlies van ankers en kettingen, het Hannovers schonerschip HELENA, kapt. G. Oostendorff, met stukgoederen van Amsterdam naar Zweden.
Tegen de middag keerde hier terug het vissersvaartuig, dat in de vroege morgen door de heer J. Vellinga, cargadoor en expediteur alhier, afgezonden was, op sleeptouw hebbende de Franse schoner COQUETTE, kapt. T. Meter, met stukgoederen van Amsterdam naar Christiania (opm: Oslo), die mastenloos en mede zonder ankers en kettingen was.
Heden morgen werd hier aangebracht de bemanning van het bij Terschelling totaal verongelukte Engelse barkschip TEMPLAR, kapt. James Smith, met steenkool van Hartlepool naar Amsterdam. De equipage, bestaande uit 9 man, is nog heden met de tot vertrek liggende Engelse stoomboot naar Londen vertrokken.
Men spreekt van vele andere ongelukken, doch zekere berichten ontbreken; evenwel ziet men hier veel wrakhout voorbij drijven en aanspoelen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Hindelopen, 30 mei. Zondag ’s namiddags (opm: 27 mei) omstreeks 3 uur, strandde even bewesten het dorp Molkwerum en verbrijzelde enige ogenblikken later tegen de stenen het tjalkschip EBENA EZAR (opm: waarschijnlijk EBEN-HAËZER), schipper Hendrik Geerts Kramer, beladen met lompen, komende van Groningen en gedestineerd naar Zaandam. De opvarenden, zijnde genoemde schipper, zijn vrouw, zoontje en de knecht, zijn met levensgevaar gered door de personen van Hendrik Jans Visser, Jacob IJges Visser en Jan IJges Visser, allen woonachtig te Stavoren.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 31 mei. Behalve de reeds bovengenoemde (zie Harlingen en Hindelopen) hebben aan de kusten dezer provincie nog de volgende schipbreuken plaatsgehad.
In de nacht van maandag (opm: 28 mei) is op de buitengronden van Ameland gestrand het Russische barkschip DIJGDEN (opm: ook DYGDEN), kapt. M. Michelson, met een lading hout van Helsingfors (opm: Helsinki) naar Cadix. De schepelingen, ten getale van 16 man, zijn door de reddingboot der Noord- en Zuid Hollandse Redding Maatschappij, bijgestaan door een vissersvaartuig van Ameland gered. Schip en lading vreest men echter dat verloren zijn.
Op dezelfde buitengronden (opm: van Ameland) is de vorige dag gestrand de te Londen thuishorende visserssloep, genaamd ELMER, schipper Thomas Watson. Met behulp van dezelfde reddingboot zijn van de 9 opvarenden 5 met groot gevaar gered, doch de 4 anderen zijn door de hoge branding uit het dek en want geslagen en verdronken. Het schip is daarna verbrijzeld; van het aan strand gespoelde is een gedeelte geborgen.
Te Scheveningen strandde de stoomboot THERESIA, van Glasgow naar Rotterdam bestemd, doch werd de equipage door de reddingboot gered.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. H. Halbertsma Bz. te Grouw bericht aan kuipers, dat voor hem de 19e mei 1860 te Harlingen gearriveerd is kapt. P. Dijkstra, schip (opm: kof) ALDERSHOF, met een lading puik Memels klaphout (opm: gekloofd eikenhout tot duigen voor klein vaatwerk).


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 10 á 12 scheepstimmerknechten, hun werk verstaande, kunnen dadelijk geplaatst worden bij de scheepsbouwmeester K.K. de Vries, buiten de Kleine Poort te Groningen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Sickler te Augustinusga zal op dinsdag de 12e juni 1860, des namiddags te 5 ure, in de herberg van L.O. Hoekstra te Roohel, finaal verkopen:
1: Een overdekt Schuiteschip, genaamd de JONGE RIENK, groot 22 tonnen, met zeil en treil, haken en bomen enz.
2: Een overdekt Kofschip, genaamd HET NIEUWVEEN, groot 13 tonnen, met zeil en treil, haken, bomen enz,
beide liggende aan de helling van Hoekstra te Roohel. Dadelijk te aanvaarden.


02 juni 1860


Krant:
 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen. Gisteren arriveerde alhier de nieuw gebouwde koftjalk, genaamd JOHANNA CHRISTIENA (opm: JOHANNA CHRISTINA), kapt. H.A. Westerbrink, groot 69 ton, gebouwd bij P. Smit, beide te Veendam, en heden het nieuw gebouwde galjootschip ALIDA, kapt. P.E. Dik, van de Wildervank, groot 85 last, gebouwd bij K. Bakker, te Sappemeer, en het nieuw gebouwd brikschip ANTJE (opm: schoener ANTJE HAVERBULT), kapt. J. van Heuvelen, van de Pekela, groot 110 last, gebouwd bij M. Kroeze, te Hoogezand.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Niet alleen de Scheveningse pink DE VROUW MARIA PRONK, maar ook de pink JACOBA ELISABETH, is in de laatste storm verongelukt. Men vreest ook voor een pink van de reder J. Groen. Nog 40 pinken zijn aanwezig. Omtrent 20 daarvan zijn geruststellende tijdingen ontvangen.
Uit Vlaardingen en Egmond aan Zee meldt men het vergaan van andere bodems. Van een Deens schip, OCEANET, vreest men, dat de gehele bemanning jammerlijk is omgekomen; van de EARL TALBOT werd de bemanning met grote inspanning op één man na, gered. Nog een ander Engels schip verging met man en muis. Het ontbreekt ons aan tijd om van een en ander de bijzonderheden te vermelden. (opm: zie ook NRC 010660)


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens berichten heeft de storm ook de overige kusten van Noordelijk Europa bezocht. De bijzonderheden daaromtrent ontbreken nog; alleen weten wij, dat op de 28 mei te Liverpool een menigte schepen daardoor belangrijke schade bekomen hebben, en een zelfs, zijnde het naar Afrika bestemde schip SEAFLOWER, gezonken is; zomede zijn te Redcar een zevental schepen op ’t strand gedreven, waaronder het te Winschoterzijl thuisbehorende schip RENSKE (opm: kapt. E.J. Mooi). Op eerstgenoemde plaats woedde de storm uit het NW, en op de laatstgenoemde uit het NNO.
(opm: de RENSKE blijft in de vaart, om in 1863 op Rügen te stranden en verloren te gaan).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 1 juni. Heden is alhier door een vishoeker van Vlaardingen binnengesleept het schip ALBERDINA, kapt. Scherpbier, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Guernsey bestemd, met verlies van fokkemast, overgeworpen lading, enz.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. Het schip WELVAART, kapt. W.J. Suk, van Bremen naar Groningen, is zwaar lek te Delfzijl binnengelopen en het schip EVA HENDRIKA, kapt. Van Dijk, van Dantzig (opm: Gdansk) naar dito met overgeworpen lading.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. Het schip CATHARINA LUITGARDA, kapt. Stuitje, van Nykjöping op hier, is 31 mei met verlies van een zwaard en andere schade te Delfzijl binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. De Franse schoener ARIEL, van Duinkerken in ballast naar Rotterdam, is 28 mei bij Ter Heijden gestrand, doch het volk is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 mei. De equipagie van de alhier gestrande en gezonken brik TEMPLAR OF HARTLEPOOL (opm: TEMPLAR, thuishaven Hartlepool) is door de loodsboot No. 5, schipper Molenaar, in de Noordzee opgenomen en behouden te Terschelling aangebracht. (red: hoogstwaarschijnlijk het schip in ons nommer van 30 dezer bedoeld.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. De Engelse brik TEMPLAR, kapt. James, van Sunderland met steenkolen herwaarts gedestineerd, is in de Eijerlandse gronden gezonken, doch het volk is gered (opm: zie ook LC 010660 en NRC 050660).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 mei. De op Vlieland gestrande sloep FAVORITE is verbrijzeld. Een lijk is er aangespoeld en van de tuigage weinig of niets geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 31 mei. Kapt. Loman, van het Nederlandse smakschip ZELDENRUST, is 28 dezer met verlies van 3 ankers van de Vliereede geslagen en te Terschelling binnengekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 30 mei. Hedennacht is alhier gestrand het Engelse brikschip UTILITY, kapt. James Rieb, van Newcastle met steenkolen bestemd naar Nieuwediep. Van de equipage is slechts één man gered, terwijl de Texelse loods mede is verdronken. De knapzak van de loods, C.B. Blom, is aan strand gespoeld en geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 31 mei. Gisteren werd hier de bemanning aangebracht van het bij Vlieland gezonken Engels brikschip CORSAIR, kapt. Smith, van Hartlepool, welk schip in de jongste storm de mast had verloren, die op de ijzeren pomp was gevallen en hetzelve zwaar lek had gemaakt. Kort daarop is de equipage per het Engelse stoomschip BEAVER, kapt. Pentin, naar Londen vertrokken.


03 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 1 juni. Niet ver van ’t Vlie is een schip met man en muis vergaan, waarschijnlijk de kof JELTINA, kapt. D. Schuur (opm: galjoot, kapt.-eigenaar D.G. Schuur). Ook is aan strand aldaar een naambord gevonden, waarop met vergulde letters TRE BRODRE, en met witte ingesneden letters Derk G. Schuur -1858, enige wrakdelen en twee lijken.


04 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juni. Men verneemt, dat het Rijks-transportschip HELDIN tegen 1 augustus naar zee gaat, en wel rechtstreeks naar Mahon, waar de schepen van het eskader omstreeks half september moeten binnenkomen om de victualie in te nemen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. De 30e mei is bij Callandsoog, onderste boven en door het volk verlaten, gestrand de brik MARIA WILHELMINE, gevoerd geweest door kapt. Meinke, en beladen met hout. De Mecklenburger brik MARIA WILHELMINE, kapt. Meinke, is de 3e mei van Libau (opm: Liepaja) naar België vertrokken.


05 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juni. Volgens bericht van Texel is de equipage van het op 28 mei achter de Koog gezonken schip, die uit tien man bestond, op een recht wonderbaarlijke wijze behouden geworden en gered. Toen namelijk het schip reddeloos was en de equipage alle hoop op behoud had verloren, zetten zij zich volgens hun eigen verhaal in afwachting van de naderende dood bij elkander in de kajuitskap. Kort daarop sloeg het schip uit elkander, maar zó dat het dek met de gezegde kajuitskap aan elkander bevestigd bleef; in die toestand dreven zij als op een vlot, toen zij gelukkig door de Terschellingse loodsboot No. 5 in zee werden opgenomen en behouden in de haven aldaar aangebracht. (opm: zie NRC 020660; dit betreft waarschijnlijk de bemanning van de TEMPLAR)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juni. Van Texel wordt nog gemeld, dat de bemanning van de stoomboot HARBURG, met vee geladen, bestaande uit twintig personen, door de onverschrokken vissers van Cocksdorp, is gered; met uitzondering van twee man, welke voordat de reddingboot tot het wrak genaderd was, met de mast in zee zijn gestort en in de golven zijn omgekomen.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maandag 28 mei, des nachts, is achter Callantsoog gestrand de Scheveningse visschuit ZEEMEEUW. Het schip is onbeschadigd en de bemanning behouden aan wal gekomen. Dinsdag 29 mei is op de stranden van Callantsoog vastgeraakt de Noorse brik TERRA NOVO, kapt. Petersen, van Christiania (opm: Oslo), met hout naar Bordeaux bestemd. Het volk is met de reddingsboot van Petten behouden aan wal gebracht.
De Kamper stoomboot ADMIRAAL VAN KINSBERGEN zit nog tussen Harderwijk en Elburg aan de grond.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 2 juni. Het schip (opm: kof) FROUWINA ELISABETH, kapt. T.M. de Jonge, van Libau (opm: Liepaja) naar de Maas, is de 30e mei met zware schade in Terschelling binnengebracht.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gothenburg, 25 mei. Het schip (opm: kof) ELSINA, kapt. Mulder, van Grangemouth naar Petersburg, alhier met schade binnengelopen, zal zonder lossen de reis kunnen voortzetten.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Redcar, 29 mei. De schooner WILHELMINA ROSALIA, kapt. H. Meuldijk, van Hamburg naar Middlesbro, is alhier in de nabijheid gestrand, doch daar het weer heden bedaart hoopt men het schip af te brengen. (opm: zie NRC 180660)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cardiff, 1 juni. Vrachten voor steenkolen naar Aden 48/-, Bombay 40/-, Calcutta 40/-, Kaap de Goede Hoop 37/6, Madras 40/-, Melbourne 45 à 47/6, Shanghai 60/-, Hongkong 52/6 à 55/-, Singapore 40/-, Mauritius 35/-, Suez 60/-, Buenos Aires 42/6, Havanna 22/-, Manilla 50/-, Montevideo 38 à 39/-, Fernambucq (opm: Pernambuco, thans Recife) 33/-, Rio Janeiro 33/-, Rio Grande 37/6, Valparaiso 35/-.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Vincent (Kaap Verdische eilanden), 21 mei. Het Nederlandse fregat HEBE, kapt. Kehl, van Rotterdam naar Batavia, is de 28e april alhier binnengelopen om enige schade aan het roer te herstellen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 3 juni. Als een vervolg op ons bericht van 30 der vorige maand, kunnen wij nog melden, dat men het getal schipbreuken in de laatste stormen, op onze kusten, tussen Texel en Ameland, op minstens twintig moet stellen, waarvan de meesten totaal zijn. De meeste binnengekomen schippers getuigen ook, dat de zee, in de eerste dagen na de storm, binnen en buitengaats, op vele plaatsen met wrakhout en balken was bedekt.
Gisteren is de equipage van de op Ameland verongelukte Engelse vissersschuit met de stoomboot LYON van hier naar Londen vertrokken en heden morgen is de bemanning van het Russische barkschip DYGDEN, kapt. Michilson (opm: of Michelson), met hout van Helsingfors (opm: Helsinki) naar Cadix, mede op Ameland vergaan, en bestaande uit 14 personen, met de stoomboot FRIESLAND van hier naar Amsterdam gereisd om van daar naar het vaderland terug te keren.


06 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen. In de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 5 juni:
Nederlands schoenerschip GOUVERNEUR VAN DER EB, groot 115 tonnen. Om NLG 2.300 verkocht.
Nederlands schoenerschip ECONOMIE, groot 209 tonnen. Om NLG 18.100 verkocht en een chronometer om NLG 120.
Nederlands sloepschip ANNA, groot 51 tonnen. Om NLG 1.325 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juni. De Hannoverse kof CHARON, kapt. Jongebloed, van Pernau (opm: Pärnu) naar de Maas, is bij Zandvoort verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 4 juni. Heden is door de stoomboot KINDERDIJK alhier binnengesleept de Noorse bark EXPRESS, met een lading hout, door Katwijker vissers verlaten in zee gevonden. Zie NRC van 1 juni.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cork, 2 juni. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. Browning (opm: fregat, kapt. D. Forbes Browning), van Cardiff naar Singapore, heeft de lading gelost en is in het droge dok gehaald. Ook de Nederlandse schoener JOHANNA, kapt. W.W. Meedendorp, van Rio Grande, is na ontlossing van de lading in het droge dok gehaald om het lek te stoppen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval(opm: Tallinn), 25 mei. De CATHARINA ELISABETH, kapt. Lever, te Hapsal (opm: Haapsalu) met 780 tsw. rogge beladen en aldaar een lek bekomen hebbende, bevorens gemeld, is heden alhier binnengelopen om te lossen en te repareren.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam 4 juni. Bij Zandvoort is een gedeelte van het galjoen aangedreven van een nieuw, blijkbaar Groninger vaartuig, benevens een papier, waarop voorkwam de naam van R. Rijkens. (Red: het schip PLEIADEN [opm: brik, bouwjaar 1860; zie ook PGC 240564], kapt. R. Rijkens, was de 17e mei te Newcastle zeilklaar naar Triëst).


07 juni 1860


Krant:
 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 4 juni. De Hollandse schooner ALBERDINA, kapt. Scherpbier, van Dantzig (opm: Gdansk) met tarwe, erwten en hout naar Guernsey bestemd, met averij, lek en overgeworpen lading alhier binnengebracht (opm: zie NRC 020660), is gisteren in de Marinehaven alhier gebracht. Men is thans bezig de lading te lossen, teneinde het schip te kunnen inspecteren en zo nodig te repareren.


Krant:

 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wijk aan Zee, 4 juni. Sedert de laatste storm zijn alhier, behalve 3 lijken, een menigte wrak- en Noords hout aangespoeld. Langs de kust zijn nog een aantal lijken aangespoeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juni. Het schip BERTHA JOHANNA, kapt. Fock (opm: Duitse tjalk), van Amsterdam naar Hamburg, is de 3e juni in de Krombelg (opm: Kromme Balg), bij Ameland gezonken, doch het volk gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juni. De lading van het op Ameland gestrande schip DYGDEN, kapt. Michelsen, van Helsingfors (opm: Helsinki) naar Cadiz is, volgens brief van Ameland van 2 juni, geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juni. Het Franse barkschip SAINT WULFREN is de 29e mei bij Noordwijk gestrand. Het wrak en de inventaris zouden verkocht worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 4 juni. Alhier is aangespoeld een kist met boeken en scheepspapieren, behoord hebbende aan kapt. Niemann, gezagvoerder van het Rostocker brikschip GROSSHERZOGIN AUGUSTE, van Pernau (opm: Pärnu) naar Nederland. Genoemd schip is ongetwijfeld in de nacht tussen 28 en 29 mei l.l. in de Eijerlandse gronden totaal verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 4 juni. De Noorse schoener ABRAHAM, van Christiana (opm: Oslo) naar Bordeaux, is in zinkende staat door het volk verlaten. Zie NRC van 1 juni.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 april. De schepen WILLEM I (opm: fregat WILLEM DE EERSTE), kapt. T.J. Niedveld, LOUIS MEIJER (opm: bark), kapt. J. Holtgreve qq. en PHILIPS VAN MARNIX (opm: fregat), kapt. E. van Duijn, van Boni alhier aangekomen, hebben aan de grond gezeten en schade wegens aandrijving bekomen – zie NRC van 17 mei. Zij moeten dokken om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 april. Het schip STAATSRAAD VAN EWIJCK, kapt. De Winter, van Boni alhier aangekomen, heeft mede aan de grond gezeten, lekkage bekomen en moet koperen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 april. Het schip (opm: fregat) BAREND WILLEM, kapt. J.W. Retgers, van Amsterdam alhier aangekomen, zal vermoedelijk moeten dokken en koperen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 19e juni 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, no. 499, publiek te veilen de navolgende snelzeilende, gekoperde en kopervaste Nederlandse schepen, als:
- Het barkschip DEN ELSHOUT, gevoerd door kapt. E.F. Bonjer, volgens meetbrief lang 37 el 60 duim, wijd 6 el 70 duim, hol 5 el 62 duim, en alzo groot 629 ton of 322 lasten.
- Het fregatschip SAMARANG, gevoerd door kapt. A.M. Swarts, volgens meetbrief lang 38 el 60 duim, wijd 7 el 75 duim, hol 5 el 45 duim, en alzo groot 725 tonnen of 383 lasten.
Met al derzelver rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers en kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, liggende voorschreven schepen in de Westerhaven te Rotterdam. (opm: verkocht voor de sloop, zie JB 080960)
Benevens nog twee chronometers, welke afzonderlijk geveild worden.
Voorts nog:
- Het Nederlandse, in 1850 gebouwde schoener-kofschip DE VLIJT, gevoerd geweest door kapt. B.P. Heddes, volgens meetbrief lang 21 el 50 duim, wijd 3 el 86 duim, hol 1 el 82 duim, en alzo groot 67 tonnen of 35 lasten met rondhout, want, ankers, kettingen, touwen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende te Delfshaven, aan de scheepstimmerwerf van de heer De Haan.
Zijnde het kofschip inmiddels uit de hand te koop en te bevragen bij bovengemelde makelaars, de heer De Haan, scheepmaker te Delfshaven en de heer H. Kruine, scheepmaker te Brielle.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, C.A. Schröder, G.J. Boelen, A. Roland Holst, C.S. Oolgaardt, J.R. Bos Janszen, J.F.L. Meijes en W. van Rossem, makelaars, zullen op maandag de 18e juni 1860, des avonds ten zes ure te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen:
- Een extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd DE DRIE VRIENDEN, gevoerd door kapt. D.E. Nolting. Volgens meetbrief lang 30 ellen 45 duimen, wijd 5 ellen 13 duimen, hol 4 ellen 37 duimen, en alzo gemeten op 303 tonnen of 160 lasten.
- Twee aandelen, ieder à NLG 250 in de Stoomboot-Reederij, ten doel hebbende het slepen van schepen naar het Nieuwediep, onder directie van Paul van Vlissingen.
- Een aandeel in de Sleepdienst-Maatschappij, gevestigd te Amsterdam, onder directie van J. Boelen J.Rzn en J.A. de Haas.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors De Vries en Comp.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 april. De vrachten blijven in een zeer vaste positie verkeren. In de laatste dagen bespeurde men enige vraag voor scheepsruimte zo voor Nederland als China. Enige van de Bonische schepen zijn teruggekomen. Sommigen daarvan vonden hun charterpartij van de Nederlandsche Handel-Maatschappij, anderen wachten die af, terwijl nog anderen moeten repareren, zodat dit geen of weinig invloed op onze markt uitoefent. In China, Manilla en Singapore is scheepsruimte ook schaars en gezocht, wij zullen dus spoedig hogere vrachten voor Nederland en China te vermelden hebben.
Sedert het vertrek van de laatste mail werden de volgende Nederlandse schepen bevracht: WELTEVREDEN, te Soerabaja opgenomen à NLG 70 per last voor suiker en NLG 52,50 voor tabak naar Rotterdam; MAASSTROOM werd alhier bevracht à NLG 67,50 voor suiker en NLG 35 voor koperen duiten, te Soerabaja en Passaroeang te laden naar Rotterdam; STELLA MARIS, 307 ton, bedong 45 $ c. per picol rijst naar Hongkong of Amoy. COMMISSARIS DES KONINGS VAN DER HEIM, is door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 70 voor suiker te Soerabaja, NLG 80 voor koffij te Padang en NLG 30 voor tin naar Rotterdam. ROBERTUS HENDRIKUS opgenomen door de Factorij van de Nederlandsche Handel-Maatschappij tot NLG 82,50 per last om koffij te Padang te laden.
De volgende Nederlandse schepen zijn nog disponibel: AEGIDIA EN PAULINE, BIESBOSCH, JOHANNA, ANTOINETTE SERAPHINE, HOLLANDIA, LOUIS MEIJER en VOORWAARTS.
De IJSEL, DRIE GEBROEDERS, JAN PIETERSZOON KOEN, JACQUELINE EN ELISE en JONKHEER MEESTER VAN DER WALL VAN PUTTERSHOEK zijn kustreizende.


08 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Volgens bij het departement van marine van de commandant van Zr.Ms. stoomkorvet GRONINGEN ontvangen berichten, verzonden van de rede Nagasaki, 12 april 1860, waren in het Japanse rijk ernstige ongeregeldheden voorgevallen. Op de 24e februari j.l. was op de publieke weg van Jedo (opm: thans Tokyo) een aanslag gedaan op het leven van de regent van de onmondige keizer, die zwaar gewond, en, volgens geruchten, overleden zou zijn. Men vreesde voor burgeroorlog en noodlottige gevolgen voor de handel. De GRONINGEN had zware stormen doorgestaan en was met gebroken roer, doch overigens weinig averij, te Nagasaki teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 6 juni. Het schip SUMATRA, kapt. Grivel, was de 17e april te Soerabaja zeilklaar naar Samarang tot opvulling van de lading om vervolgens via Singapore naar China te vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juni. Aangaande het schip CONCORDIA, kapt. Erenius (opm: buitenlander), van hier naar Leer, bij Grietzijl (opm: Greetsiel) gestrand, wordt, volgens brief van Norden van de 4e dezer gemeld, dat het niet geleden had en afgebracht zou kunnen worden; de lading die waarschijnlijk onbeschadigd was gebleven, was gelost, te Emden aangebracht en zou van daar naar Leer worden verzonden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 juni. De als bijlegger ter rede liggende Nederlandse kof JACOBA ALIDA, kapt. Van der Laan, van Liverpool naar Nerva bestemd is aangedreven door de van Antwerpen afkomende Deense schoener HARMONIE, kapt. Tedders, waardoor beiden belangrijke schade hebben bekomen en alhier binnen de haven gehaald zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 april. Het schip STAD SCHIEDAM, kapt. Wulp (opm: bark DE STAD SCHIEDAM, kapt. F.A. Wulp), van Tjilatjap naar Rotterdam, met schade te Soerabaja binnengelopen, zal verkocht worden, uit hoofde van de grote onkosten van reparatie (opm: zie JB 140460).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Vlissingen. De notaris D. Uijttenhooven, zal op vrijdag de 15e juni 1860, des voormiddags ten 10 uren, op de Bierkade, presenteren te verkopen: het in averij binnengebrachte Franse brikschip LEOPOLD, gevoerd door kapt. A. le Bars, gekomen van Cherbourg, in ballast naar Sunderland bestemd, groot volgens meetbrief 143 tonnen, met deszelfs inventaris. Daags te voren voor een ieder te zien.
Informatie te bekomen bij de de scheeps-makelaars De Groof Hector, te Vlissingen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 7 juni. In de avond van 3 juli j.l. is in de Buitengronden van Ameland vervallen het Hamburger Tjalkschip BERTHA JOHANNA, schipper T. Fock, met een lading cement van Amsterdam naar Bremerhaven. De 3 opvarenden zijn met behulp der boot van de Noord- en Zuid Hollandsche Redding Maatschappij gered.
De gehele lading en tuigage van het vorige week bij Ameland gestrande Russische barkschip DYGDEN is later door middel van Amelander vaartuigen geborgen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een goed onderhouden overdekt gewegerd Roefscheepje met inventaris, genaamd de HOOP, groot 12 tonnen, liggende te Joure.
Te bevragen bij de kandidaat notaris G. Posthumus aldaar. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een half Trekveer, van Leeuwarden op Harlingen vice versa.
Te bevragen bij K. Elzinga, in het Franeker Veerhuis te Leeuwarden.


09 juni 1860


Krant:
 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen. Gisteren arriveerde hier het nieuw gebouwd kofschip GEZIENA DE VRIES (opm: GESIENA DE VRIES), kapt. F. van Klooster, van Groningen, groot 55 last, gebouwd bij Boerma, in de Kijl (opm: Kiel-Windeweer).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 juni. Bij Noordwijk zijn op strand aangespoeld vier kisten, waarvan drie afkomstig van het schip PLEIADES, kapt. Rijken (opm: PLEIADEN, kapt. R.R. Rijkens, zie PGC 060660), van Newcastle naar Triëst, en een van het (opm: Hannoverse) schip CHARON, kapt. Jongebloed, van Pernau (opm: Pärnu) naar de Maas.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Men schrijft uit Vlissingen: Na al hetgeen reeds over de storm werd bericht, verdient het volgende nog opzettelijk mededeling.
Een Belgisch schip met zout geladen, van Liverpool, is door de Belgische loodssloep, daar het vaartuig door de bemanning was verlaten, in ’s Rijks dokhaven binnengebracht.
Tevens verdient de navolgende menslievende daad eervolle vermelding: Schipper Stokkers, varende de Belgische schroefstoomkotter No. 5, ontmoette in de Noordzee, bijna 12 mijlen van Westkapelle, een stuk wrak van het Zweedse schip NORDEN, van Stockholm, kapt. Schwenson, met hout en ijzer geladen. De bemanning van de kotter hoorde het geschreeuw om redding van een negental ongelukkigen, die, te midden van de vreselijke storm, reeds 10 uur op dat stuk wrak met de dood worstelden. Door de duisternis kon men hen aanvankelijk niet opmerken, doch de brave Stokkers verliet de rampzaligen niet, met de eerste morgenstraal kwam hij, ondanks het gevaar door de ontzettende branding, hen nabij. Men zette de boot uit en had de voldoening, die negen mensen te redden. Ze werden aan boord met liefderijke zorg gevoed en verwarmd. Ze brachten de schipbreukelingen hier aan wal, welke in een herberg werden opgenomen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Brouwershaven, 6 juni. Passagiers aangebracht van het eiland Java per de schepen:
STAATSRAAD VAN DER HOUVEN, kapt. F. Heijmeriks, kapitein van het O.I. leger; Van Zee, echtgenoot en twee kinderen; officier van gez. 2e klasse Berliner, met vier kinderen en een vrouwelijke Javaanse bediende; off. van gez. 3e klasse Jorritsma; de heer Stevens, echtgenoot en twee kinderen; de heer Satlou; mevrouw Schiemm en twee kinderen; de jonge heer Herman Stratener, benevens vier gepasporteerde militairen.
Per het schip BATAVIER, kapt. A. de Voogd van der Straaten, Jhr. van der Poll, O.I. officier en familie en mevrouw Brandt.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Op de vendutie van dinsdag, de 12e juni 1860 voor het commissiehuis van Cassalette & Co, zal ten tien ure worden verkocht de Nederlands-Indische schoener DE HAAI, met zeilen, ankers, kettingen, sloepen en alles wat tot een complete inventaris behoort, liggende in de Groote Rivier, tegenover de Batterij.


10 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 9 juni. Gisteren is van de werf van de scheepsbouwmeester F. Smit alhier te water gelaten de ijzeren stoomboot RESERVE, bestemd om in de sleepdienst van die heer schepen te slepen op de rivieren, in en uit zee.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 9 juni. Het schip CONSTANCE, kapt. Kimmerer, van Rotterdam naar Batavia, alhier uit zee teruggekomen, heeft een gebrek aan het roer.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 6 juni. Kapt. Rowe, voerende het schip ESCORT, van Hamburg naar Labrador, alhier binnengelopen, rapporteert, de 30e mei, het Lemon and Owersand N.W. 35 m, gezien te hebben, de vreemde schoenerkof (foreign brigantine) ALBERDINA, hebbende de fokkemast, kluiverboom en grote steng verloren, terwijl de zee hevig over het schip heen sloeg. De aangeboden assistentie was echter geweigerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scio, 26 mei. De lading amaril van het onlangs op dit eiland verongelukte schip, dat later bleek een Nederlander te zijn (opm: zie NRC 110460 en volgend bericht), zal denkelijk geheel geborgen worden. Een gedeelte van de inventaris is gered.


11 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Genua, 7 juni. Aangaande de Nederlandse kof ANNACHIENA GESINA, gevoerd geweest door kapt. Smit, van Smirna (opm: Izmir) naar Londen, bij Scio gestrand, wordt van daar van de 26e mei gemeld, dat de lading waarschijnlijk geheel geborgen zal kunnen worden. Een gedeelte van de inventaris was bereids geborgen.


12 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wij lezen in een ingezonden stuk in de Java-Bode:
Enkele personen zijn onbillijk genoeg geweest de commandant van Zr.Ms. stoomschip ONRUST, de luitenant ter zee Van de Velde, van nalatigheid te beschuldigen. Men had mogen verwachten, dat de Javasche Courant door uitvoeriger mededelingen omtrent de krijgsverrichtingen het ontstaan van zulk een dunk had voorkomen. Wij zullen trachten het publiek haar stilzwijgen te vergoeden. (opm: zie ook NRC 150360 en 270161)
De ONRUST had in november dezelfde streek bezocht, waar later het afschuwwekkend bloedbad werd aangericht. Volgens rapporten van de commandant, in die maand geschreven, werden alle mogelijke veiligheidsmaatregelen genomen. Hij nam de meeste waakzaamheid in acht, deed alle posten verdubbelen, maakte telkens in de nacht “overal”, in één woord, zijn handelingen waren van dien aard, dat zij de goedkeuring van de commandant van de zeemacht in Oost Indië wegdroegen. Is het dan billijk, is het redelijk, zonder enig bewijs, zonder enige maatstaf tot beoordeling dan de verklaringen van een spion, wiens leugenachtigheid reeds is gebleken, te veronderstellen, dat de officier, die in november al zijn plichten stipt betrachtte, in december zich aan onverantwoordelijke nalatigheid zou hebben schuldig gemaakt? Immers nee! Maar hoe is het dan mogelijk, vraagt men, dat een oorlogsschip wordt overmeesterd?
Vooreerst verdiende de ONRUST de weidse naam van oorlogsschip niet. Het was een notendop, een grote ijzeren pan. Het dek verhief zich slechts 3 à 3½ voet boven de waterlijn. Men kon dus gemakkelijk uit een praauw in de rivier aan boord springen. Men stelle zich daarbij voor, dat de stroom slechts 18 ellen breed was. Een schip beantwoordt slechts aan zijn bestemming wanneer het in beweging is. De ONRUST lag ten anker. Van alle zijden kon men de bodem bespringen. De bemanning bestond uit 21 matrozen. Een dekking van een detachement van de landmacht was er, helaas!, niet aan boord. De bewapening bestond uit een dertig (opm: er mist een stukje tekst) onder aan de voorsteven, waarvan men geen gebruik kon maken, doordat de kajuit en de longroom, waar de officieren het eerst vermoord werden, in het achterste van het schip waren. De matrozen zijn vermoedelijk op de kreten van de overrompelde officieren naar het achterdek geijld, in welke tussentijd de trouweloze muiters het voordek overmeesterd hebben. De 21 matrozen waren dus zonder leiding van hun officieren en konden van de 4 draaibassen aan de boeg en aan weerszijden van de grote mast geen gebruik maken. Er bleven hun dus twee draaibassen van de achtersteven over. Maar ook van achteren kon de ONRUST, die zich, gelijk wij zeiden, 3 à 3½ voet boven de oppervlakte van de rivier verhief, beklommen worden. Aan boord waren 12 geweren en 12 pistolen. Revolvers ontbraken. Wat kon men met zulke middelen tegen 600 verraders doen? Men verbeelde zich een fort zonder borstwering, zonder grachten, zonder glacis (opm: glooiende buitenste borstwering), met een plateau, hoog 3 à 3½ voet boven de begane grond, een vuurlijn, lang 4 à 5 ellen (de breedte van de ONRUST), van voren, van achteren en op zijde geheel open, verdedigd door de 21 man zonder leiding, die te beschikken hebben over 2 draaibassen, 12 geweren en 12 pistolen en van alle kanten op het lijf gevallen worden door 600 vijanden! Het kruit was in de koperen kisten; er viel dus niet aan te denken het schip in de lucht te doen springen. Wat het verraad begunstigde, was, dat één gemeenschappelijke trap naar de kajuit en longroom voerde, zodat de officieren van de laatste de gewone uitweg naar het voordek misten. De ONRUST had acht dagen op dezelfde plaats gelegen. Het was dus een onverantwoordelijke verkwisting geweest al die tijd stoom te houden en alzo kolen te verbruiken die voor de terugreis naar de hoofdstad nodig waren.
Zo onze verdediging van het gedrag van de officieren en bemanning zwak luidt, wijte men het niet aan ons. Het zal ons voldoening zijn, zo wij bewezen hebben, dat men zonder nadere inlichtingen tot geen gunstig oordeel gerechtigd is. Zo enig zeeofficier tot krachtiger rechtvaardiging van zijn gevallen broeders zijn stem wil verheffen, zouden wij ons gelukkig rekenen, indien hij de Java Bode tot zijn orgaan wil kiezen. (opm: zie ook NRC 150360 en 270161)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 11 juni. Het schip POMONA, kapt. Van der Borden, alhier zeilkaar liggende naar Lissabon, is wegens lekkage naar Rotterdam vertrokken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam zullen op last van hun meesters op dinsdag de 26e juni 1860. des middags ten 12 ure in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1856 gebouwde, gekoperd en kopervast Nederlands campagne-barkschip SAMUEL HENDRIKUS (opm: SAMUEL HENDRICUS), laatst gevoerd door kapt. A.G. Bouten, volgens meetbrief lang 37 el 60 duim, wijd 7 el 10 duim, hol 5 el 29 duim, en alzo groot 611 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve is liggende aan het Rijks-Entrepôt, voormalige Marine Werf, binnen deze stad.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht: een chronometer, van Barrand, no. 2321, te bezichtigen aan boord van gemeld schip.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Voorlopige bekendmaking wegens verkoop van een grote partij suikers (omstreeks te midden dezer maand te veilen), per Hannovers schonerschip HELENA, kapt. Oostendorff, gedestineerd van Amsterdam naar Zweden, en alhier met averij binnen. De bepaalde dag van verkoop zal nader in de bladen worden bekend gemaakt.
Harlingen, 7 juni 1860 J. Vellinga, cargadoor


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een onoverdekte praam, zo goed als nieuw, groot 7 ton, met zeil en treil en complete inventaris.
Te bevragen bij G.H. Dorenveld, scheepstimmerbaas te Hommerts. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een snel varend Blokzijlder Jagt, groot 32 ton, met deszelfs inventaris. Te bevragen bij de heer M.A. Springer, op Rapenburg, buurt U, no. 326 te Amsterdam.


13 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 juni. Hedenmorgen omstreeks ten 6 ure, is alhier weder ter rede en een paar uur later in de haven gekomen Zr.Ms. schroefstoom-flottieljevaartuig HECTOR, dat drie dagen geleden was uitgezeild, teneinde als zeilschip te worden beproefd. De proef als stoomschip, welke er reeds enige tijd geleden mee genomen was, moet niet zeer zijn meegevallen, daar het schip niet meer dan 5 mijlen, stomende met volle kracht, liep. Als zeilschip heeft het echter vrij goed voldaan en bij de wind zeilende was de vaart 7 mijlen in de wacht (opm: een vaart van bijna 2 knopen [nm/uur] is niet veel; mogelijk zijn Duitse mijlen bedoeld, dan wordt de vaart 7 knopen); alleen slingerde het nogal sterk, doch het was ook ruw weer en er stond veel zee. De commandant is luit.t.zee 1e klasse P.M. van der Haak.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van het stoomschip SAMARANG PACKET.
Op de vendutie van dinsdag de 19e dezer in het lokaal van de heren van Slooten, Morgan & Co, des morgens ten twaalf ure, zal door de ondergetekenden publiek worden verkocht: het Nederlandsch-Indische stoomschip SAMARANG PACKET, volgens certificaat van meting van de 2e maart 1857 lang 30 Nederlandse ellen, wijd 4,23 Nederlandse ellen en hol 2,30 Nederlandse ellen, en alzo kunnende laden 48 lasten, met deszelfs stoommachines, staand en lopend want, zeilen, ankers, kettingen, instrumenten en verdere inventaris. Voormeld stoomschip wordt verkocht, liggende ter rede te Samarang.
Nadere inlichtingen te bekomen bij de gezagvoerder J. Scheel te Samarang en bij de liquidateuren van de firma Levert & Co:
A.J.W. van Delden, S.J. van der Meulen en N.P. van den Berg.


14 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 11 juni. Het alhier in averij binnengelopen schip ZOUTHANDEL, kapt. Noordhoek, van Vlaardingen naar St. Ubes (opm: Setubal), heeft de reparatie geëindigd en zal met de eerste de beste gelegenheid de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sydney, 17 april. Het alhier op de 12e dezer van Batavia gearriveerde Nederlandse schip ZWALUW, kapt. Bloem, heeft op de reis veel slecht weder gehad en was dien ten gevolge genoodzaakt om te Melbourne binnen te lopen ten einde een lek te stoppen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D, Hanegraaff te Rotterdam zullen op last van hun meester op dinsdag de 26e juni 1860 des middags ten half één ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no 499, publiek verkopen: het snelzeilend Nederlands kofschip ELSIENA, laatst gevoerd door kapt. J.H. Duintjer, volgens meetbrief lang 20 el 90 duim, wijd 3 el 78 duim, hol 1 el 66 duim, en alzo groot 58 tonnen of 31 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve is liggende in de Nieuwe Haven voor het voormalige magazijn van de Marine, binnen de stad.


15 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 26 schepen, als:
Voor Rotterdam: ELISABETH, kapt. H.A. Harms; KRIMPEN AAN DE LEK, kapt. W. Ouwehand; ERASMUS, kapt. J. van Heiningen; AMERIKA, kapt. J.F. Meermans; OUDERKERK AAN DE AMSTEL, kapt. K.J. Swart, en PRINS VAN ORANJE, kapt. J. Hensing.
Voor Amsterdam: JACOB EN ANNA, kapt. J.F.D. Petersen; LOUISE ROELOFFINE, kapt. J.A. Sijbrandi; CORNELIA EN HENRIETTA, kapt. S. v.d. Mey; BALTIMORE, kapt. P. Tjebbes; HENRICUS GERARDUS, kapt. C. v.d. Zee; ANNA EN ELISA, kapt. C.J. Jaski; ZEEMEEUW, kapt. H.L. Kayzer; JACQUELINE EN ELISA, kapt. B. Sickens; ANTOINETTE SERAPHINE, kapt. A. Viëtor; MARGARETHA SIMONETHA, kapt. F.J. Hoffman; BROEDERTROUW, kapt. G. Rotgans, en ANNA EN HELENA, kapt. P. Don, beiden van Dordrecht; NIEUWLAND, kapt. P.G. Pott; CANTON, kapt. H.J. Tweehuys, en BEZOEKIE, kapt. W.H. Rusman, de 3 laatste van Rotterdam.
Voor Dordrecht: EGIDIA EN PAULINE, kapt. C.J. Itz.
Voor Schiedam: CONSTANTIA, kapt. A.D. Overgaauw en SUSANNE, kapt. E. Vonck, beiden van Rotterdam.
Voor Middelburg: STAD MIDDELBURG, kapt. D.D. Ouwehand, en WALCHEREN, kapt. D.H. v.d. Heijde.
De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft gisteren bij circulaire bekend gemaakt, dat zij wenst te bevrachten een schip van 200 à 250 gemeten lasten, tot het overvoeren van een lading stukgoederen van Nederland naar Sumatra, en een lading Indische producten van daar of van Java terug naar Nederland. De aanbiedingen moeten vóór of op dinsdag 19 juni ten kantore van de Nederlandsche Handel-Maatschappij worden ingeleverd, en het schip moet 10 juli a.s. te Amsterdam of Rotterdam ter lading gereed liggen.
Dezelfde maatschappij vraagt ook scheepsruimte naar Soerabaija voor een stoommachine met ketel, afmeting 3,12 x 4,34 x 2,60 el, wicht 16 ton, van 80 paardekracht, te verschepen in de maand juni.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Aangaande de schepen ST. MICHAEL, kapt. Jansen (opm: brik SINT MICHAEL, kapt. F.F. Jansen) qq,18 oktober 1859 van Batavia naar Amsterdam vertrokken, RIO PACKET, kapt. Daems (opm: brik, Belgische vlag, kapt. P. Daems) van Odessa naar Falmouth, 30 november 1859 van Constantinopel (opm: Istanbul) vertrokken, SALLANDT (opm: schoener), kapt. R.N. Jonker, 7 januari van Cardiff naar Cadix vertrokken, en EVERDINA GEERTRUIDA, kapt. Lezeman (opm: tjalk EVADIENA GEERTRUIDA, kapt. J. Lezeman), van Groningen naar Goole, 24 februari van Zoltkamp vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 13 juni. Bij Egmond aan Zee is opgevist een zeemanskist, waarop geschilderd staat: H.L. Karssiens van Wildervank.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 13 juni. Het schip ELISA, kapt. Tucker (opm: buitenlander), van hier naar Harbor-Grace, is 1 juni bij Petty Harbour gestrand en wrak geworden. Of iets van de lading zal worden gered, is onzeker.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 5 juni. Het Nederlandse schip CATHARINA ELISABETH, kapt. Lever – zie NRC van 6 juni – heeft de reparatie geëindigd, neemt de lading, waarvan 8 tschw. beschadigd is, weder in, en zal binnen een paar dagen de reis vervolgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, P. Blom, J.F.L. Meijjes en W.IJ. van Reinouts, makelaars, zullen op maandag, zijnde de 2e juli 1860, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, des avonds ten 6 ure, in publieke veiling verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd MINISTER VAN HALL, laatst gevoerd door kapt. O. de Haas, en gemeten op 415 tonnen of 219 lasten. En dat verder met al deszelfs toebehoren. Alles breder bij inventaris omschreven. Het voorzegde barkschip ligt aan de werf het Witte Kruis. Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaars of met de cargadoors Hoyman en Schuurman.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare en definitieve verkoop te Antwerpen, op dinsdag de 10e juli 1860, des namiddags ten 2 ure, in het lokaal van publieke verkopingen aldaar, van twee prachtige ijzeren schroefstoomschepen, de LISBONNE en RIO JANEIRO, met hun ameublement en inventaris. Adres voor nadere informaties bij de scheepsmakelaar Van den Bergh Fils aldaar.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 13 juni. Volgens brief van Ameland van de 12e juni, was de 10e dito aldaar gestrand de met aardappelen beladen ever JOHAN HINRICH, kapt. Pape (opm: buitenlander). De lading was geborgen. (opm: zie ook LC 150660)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal op maandag de 18e juni 1860, des namiddags een uur, bij het Pakhuis van de strandvonderij te Nes op Ameland, tegen gereed geld, verkopen: het hol of casco van het op de 10e dezer gestrande Everschip JAN HINRIE (opm: mogelijk JOHAN HINRICH), groot 12 lasten, gevoerd geweest door schipper Hinrich Pape, benevens de daarvan geborgen tuigage, waaronder: 6 zeilen, 2 ankers met kettingen, stag, want, lopend touwwerk, watervaten, rondhouten en verdere goederen.
Des daags van de verkoop vertrekt het postschip te Holwerd, des morgen acht uur (opm: zie ook NRC 150660).


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 3 scheepstimmerknechten kunnen dadelijk vast werk bekomen bij J.H. van der Zee, scheepstimmerbaas te Zevenhuizen bij Franeker


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Belangrijke verkoop op Ameland van tuigage, delen en balken.
De notaris E. Meijer te Holwerd gedenkt, ten verzoeke van Jonkheer van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe verzocht door heren eigenaren en assuradeurs, op dinsdag de 26e juni 1860, bij het strandvonderij pakhuis te Hollum op Ameland, tegen gereed geld publiek te verkopen:
De zo goed als complete geborgen tuigage van het op de reis van Helsingfors (opm: Helsinki) naar Cadix op den 28 mei j.l. bij Ameland gestrande Russische barkschip, genaamd DIJGDEN (opm: ook DYGDEN) (groot 190 commercie lasten), gevoerd geweest bij kapitein M. Michelson (opm: of Michelsen), bestaande in: 41 zeilen, 2 zware ankerkettingen, 1 dito lichter, 3 zware ankers, 2 werp ankers, 3 zware kabeltrossen, 2 dito manteltrossen, een partij lichte kettingen, een partij nieuw touwwerk, gekapte wanten, stagen en een partij zodanig touwwerk; voorts masten, ra’s en verdere rondhouten, blokken, 20 watervaten, 2 grote boten, kompassen, koksgereedschappen en zo voort.
En ten verzoeke als boven, op woensdag den 27 juni daaraanvolgende, des morgens 9 uur, ten huize van den logementhouder Job Dirks Visser te Hollum, de uit opgemeld schip geborgen lading hout, bestaande in:
9.500 delen, lang van 1 el 7 palmen tot 4 el 3 palmen en dik van 4 tot 7½ duim, breed 30 duim (Nederlands), 197 balken, lang van 6 tot 14 ellen en dik van 28 tot 42 duim (Nederlands) en 3 zware spieren.
Den 25 en 26 juni e.k. vertrekt het postschip van Holwerd naar Ameland, des namiddags een uur, alsmede in de nacht van 25 op den 26e, des nachts een uur.


18 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 17 juni. Heden is alhier door de stoomboot KINDERDIJK binnengesleept het masteloze Hannoverse schoenerschip MARIA ANNA, vroeger bij Loosduinen op strand zittende verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Redcar, 11 juni. Het alhier gestrande Belgische schip WILHELMINE ROSALIE, kapt. Meuldijk (opm: Nederlandse schoener WILHELMINA ROSALIA, kapt. H. Meuldijk, zie ook PGC 050660), is op de 7e dezer voor wrak verkocht.


19 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ridderkerk, 18 juni. Door de kwijnende staat van de scheepsbouw gedurende de beide laatste jaren verkeren ook de scheepstimmerwerven voor de grote vaart te Bolnes en Slikkerveer, onder deze gemeente, in geen gunstige omstandigheden, en wordt reikhalzend naar een verbetering van die toestand uitgezien. Met genoegen kunnen wij daarom melden, dat op de werf van de heer Jan Smit, Fopz, aan het Slikkerveer, wederom de kiel is gelegd voor een schip voor de grote vaart, terwijl de scheepsbouwmeesters de gebroeders P. en C. Boele, als laagste inschrijvers voor een gezamenlijk bedrag van ruim NLG 45.000, aannemers zijn geworden van niet minder dan 60 brugschepen voor de schipbrug over de rivier de Maas nabij Hedel, provincie Gelderland.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 15 juni. Het schip BARBARA, kapt. Lutjes (opm: tjalk, kapt. D. Luitjes), met honig en pijpstaven van Bremen naar Amsterdam, is heden zwaar lek alhier binnengelopen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 juni. Gisteren had hier een vreselijk ongeluk plaats. Bij het optuigen van het barkschip de ZUIDERZEE viel een der werklieden, R. de Groot, hier woonachtig, uit de mast op het dek, waardoor zijn hoofd geheel verbrijzeld werd en men geen teken van leven meer in hem heeft waargenomen.
De ongelukkige laat een zwangere vrouw en vijf kinderen in behoeftige omstandigheden na, waarvoor bereids gelden worden ingezameld om tot ondersteuning in die ramp te verstrekken.


20 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 19 juni. Van de scheepstimmerwerf van de heer G.H. Uitenboogaerdt te Maassluis zijn te water gelaten de voor rekening van het departement van marine gebouwde stoom-schroefschoeners, als de 26e mei Zr.Ms. stoom-schroefschoener DOMMEL en de 16e juni Zr.Ms. stoom-schroefschoener BERKEL.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 19 juni in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
- Het Nederlandse barkschip DEN ELSHOUT, groot 629 tonnen. Om NLG 18.600 verkocht, chronometer om NLG 80 verkocht.
- Het Nederlandse fregatschip SAMARANG, groot 725 tonnen. Om NLG 11.900 verkocht, chronometer om NLG 115 verkocht.
- Het Nederlandse schoenerkofschip DE VLIJT, groot 67 tonnen. Om NLG 3000 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, C.A. Schröder, G.J. Boelen, A. Roland Holst, C.S. Oolgaardt, J.R. Bos Janszen, J.F.L. Meijjes en W. van Rossem, makelaars, zullen op maandag de 2e juli 1860, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris G. Leefkens, verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd DIRK ARNOLD, gevoerd door kapt. K.C. de Veer, volgens meetbrief lang 37 ellen 30 duimen, wijd 6 ellen 96 duimen, hol 5 ellen 36 duimen, en alzo gemeten op 618 tonnen of 327 lasten.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Floris der Kinderen & Zoon.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, C.A. Schröder, A. Roland Holst, J.J. van der Meulen en P.F.A. Luytjes, makelaars, zullen op maandag de 9e juli 1860, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notarissen Louwerse en Biesman Simons, verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd SARA ALIDA MARIA, gevoerd door kapt. S. Stapert, volgens meetbrief lang 38 ellen 64 duimen, wijd 7 ellen 22 duimen, hol 5 ellen 92 duimen, en alzo gemeten op 740 tonnen of 391 lasten.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Floris der Kinderen & Zoon.


21 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 19 juni. Een door de heren Betz & Co alhier uitgerust koopvaardijschip, bestemd om verse kabeljauw aan de Noordkust van Noorwegen te kopen en in te zouten, is van die expeditie teruggekeerd met 400 tonnen gezouten vis, die van zeer goede kwaliteit schijnt te zijn en in prijs weinig minder heeft opgebracht dan de gewone Noordvis.


22 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juni. Aangaande de Nederlandse schoener (opm: mogelijk hoeker) FELICITAS, kapt. Vierow, de 24e mei van Newcastle naar Amsterdam uitgeklaard, verneemt men sedert niets. (opm: vermoedelijk in de Pinksterstorm vergaan).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Venetië, 15 juni. Het op heden alhier van Londen gearriveerde Nederlandse schip (opm: kof) JOHANNA, kapt. H.R. Veldhuis, heeft de 14e juni bij Mala Mocco (opm: thans een deel van Venetië) op strand gezeten. Met adsistentie van de stoomboot ALNOCH werd het vaartuig de volgende dag vlot en in evengenoemde haven binnengebracht.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder J. Damen te Harlingen zal aldaar, ten verzoeke van de heer J. Vellinga, cargadoor, op woensdag den 27 juni e.k, ’s namiddags te twee ure, in het koffijhuis genaamd Rusland, bij W.F. Simmer, publiek verkopen: 216 krangjes suiker en 15 baaltjes koffijbonen, door zeewater beschadigd, aangebracht per Hannovers schonerschip HELENA, kapitein B.G. Oostendorff; welke zijn te bezichtigen op de 26e en 27e juni in het pakhuis de Hoop, aan de Zuiderhaven te Harlingen, vanaf ’s morgens 9 tot 12 uren.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een voor drie jaren nieuw en wel onderhouden Potschip, groot negen ton, liggende achter het kerkhof te Tzummarum. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.A. Land te Franeker zal op maandag de 25e juni 1860, des namiddags ten 3 ure, bij R. Rentjema, in de Prins aldaar, finaal verkopen:
1: Het hol van de Tjalkschuit, genaamd de TWEE GEBROEDERS, groot 43 tonnen, gelegen in de Stads Gracht, tegenover de Prins te Franeker, waarop geboden is NLG 489.
2: Mast met gewicht, stag en want, zeil, stafok en kleine klufok, blokken, lopend touwwerk enz; te bezichtigen in de Prins te Franeker; geboden is NLG 199.
Alles toebehorend aan Meindert J. Lei.
3: Een overdekt ongewegerd Kofschip, de WELVAART, oud 3 jaren, groot 12 tonnen, gelegen naast het 1e perceel, met mast, haken, bomen, blokken, touwen, Drentse fok, enz, hetwelk op de verkoopdag aan het genoemde kofschip te bezichtigen is; waarop is geboden NLG 330.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen zal, ten verzoeke van R.A. de Ruiter, zaakwaarnemer aldaar, op donderdag de 12e juli 1860, des namiddags ten 3 ure provisioneel, en des avond ten 7 ure finaal, ten huize van de logementhouder L. Balkstra aan de Noorderhaven ter dier stede, publiek presenteren te verkopen: het welbezeilde Galjootschip, genaamd ADRIANA SOPHIA, varende onder Nederlandse vlag, vroeger gevoerd geweest door nu wijlen kapitein S.J. Bakker en de laatste reis bevaren door kapitein J. van Slooten Az; gebouwd te Sappemeer in de provincie Groningen in het jaar 1851; volgens meetbrief lang 23 el 90 duim, hol 2 el 52 duim en wijd 4 el 51 duim en alzo geijkt op 121 zeetonnen of 64 lasten; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, zeil, treil, ankers, kettingen, touwen en verdere scheeps toe- en aanbehoren, zodanig dit schip thans is liggende in de Zuiderhaven te Harlingen.


23 juni 1860


Krant:
  JB - Javabode

Het schip WATERLOO is met inbegrip van inventaris in publieke veiling verkocht voor NLG 21.000.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op een nader te bepalen dag in het laatst van de maand juni of in het begin van juli 1860 (opm: later geannonceerd als zijnde op 6 juli) zal door D.D. van Boeckholtz, op publieke vendutie verkocht worden de romp van het kopervaste Engelse schip ELIZA, groot 291 gemeten tonnen, gevoerd geweest door kapt. F. Philips, met deszelf ondermasten, boegspriet, een anker en ketting, enz, zoals het alsdan ter rede liggende zal zijn. Daarna afzonderlijk de inventaris, bestaande uit zeilen, staand en lopend tuig, ankers, kettingen, rondhouten, watervaten, vlaggen, zeekaarten en boeken, kompassen, chronometer, sextant, restant provisies, enz. enz.
Nadere informaties te bekomen bij de kapitein of bij de agenten,
Fraser, Eaton & Co.


25 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juni. Gisteren werd door de scheepsbouwmeester A. van der Hoog van de werf Koning William te Amsterdam met het beste gevolg te water gelaten het voor de marine aangebouwd wordende stoom-flottillevaartuig APELDOORN.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juni. De zeildag van het stoom-flottillevaartuig HECTOR, met bestemming naar Suriname, is vastgesteld op 1 juli eerstkomend of bij de eerste gunstige gelegenheid na die tijd. (opm: op 2 juli 1860 vertrokken)


26 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.J. van der Meulen, makelaar, presenteert als lasthebbende van zijn principalen, op maandag de 16e juli 1860, des avonds ten zes ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, ten overstaan van de notaris H.J. Teengs, aan de meestbiedende of hoogst mijnende te verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd THETIS, gevoerd door kapt. J. Visser Ezn, laatst door de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht, in december 1857 te huis gekomen, volgens Nederlandse meetbrief lang 30 ellen 50 duimen, wijd 5 ellen 61 duimen, hol 4 ellen 19 duimen en alzo gemeten op 319 tonnen of 168 lasten. En dat verder met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde barkschip ligt aan de werf Koning William van de heer A. van der Hoog, aan de hoogte van de Kadijk.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaar.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 24 juni. Laatstleden donderdag had hier een ongeluk plaats, dat de ergste gevolgen had kunnen hebben. Terwijl men in de Zuiderhaven bezig was het kofschip BERNARD, kapt. Schaap, in de vorige week uit zee hier aangekomen, te herstellen, waartoe een gedeelte van het opgaand touwwerk der grote mast was losgemaakt, stortte eensklaps die mast, met drie, zich daarin bevindende manschappen, over boord. Gelukkig kwam het gevaarte met zijn aanhang in het water neder, waaraan het te danken is, dat een der manschappen ongedeerd bleef, en de beide anderen er met een lichte verwonding afkwamen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop van een overdekt Praamschip. R. de Haan Sz. deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdag 5 juli e.k, ’s namiddags 5 ure, bij R.J. Brouwer in het Schippershuis op het Vliet aldaar, verkopen: Een overdekt Praamscheepje met roef, groot 9 tonnen, voorzien van zeil en fok, touwen, blokken, watervat, tafel enz.
Te bezichtigen op de dag des verkoop voor gemeld Schipperhuis.


27 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Gisteren morgen is van Vlissingen te Nieuwediep aangekomen de exercitiebrik WESP, commandant luit.t.zee Van Asperen, gesleept door het stoomschip CYCLOOP. Zij zal gedurende twee maanden met de daar aan boord zijnde bootsmans-leerlingen kruisen in de Zuiderzee.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 26 juni in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
- Het Nederlandse barkschip SAMUEL HENDRIKUS (opm: SAMUEL HENDRICUS), groot 611 tonnen. Om NLG 38.000 verkocht. De chronometer om NLG 130 verkocht.
- Het Nederlandse kofschip ELSIENA, groot 58 tonnen. Om NLG 2.975 verkocht.
- De Nederlandse ijzeren stoomboot DE LANGSTRAAT, groot 64 tonnen. Om NLG 8.000 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Vriesendorp, J.P.M. Boonen, E. Mauritz, A.C. van Wageningen Jr, P.J. de Kanter Jr, H. Boonen, D. de Jongh Wzn, J. Vriesendorp en B. de Witt, makelaars, presenteren als lasthebbende van hunne meester, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, op woensdag de 11e juli 1860, des middags ten 12 ure precies, ten huize van J. Zahn in het Nederlandsche Koffijhuis over het Marktplein te Dordrecht, publiek te verkopen:
het snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip KÉMANGLEN gevoerd door kapt. J.W. Möller, volgens meetbrief lang 36 ellen 10 duim, hol 5 ellen 3 duim, wijd 7 ellen 10 duim en alzo gemeten op 575 tonnen of 303 lasten; liggende in de Kalkhaven te Dordrecht en breder bij de inventaris omschreven.
Nader onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoor D. Schotman Dzn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 25 juni. De Nederlandse bark CAROLINA, kapt. Struyk, van Amsterdam naar Suriname, heeft op het Long Sand aan de grond gezeten en is hier dien ten gevolge met verlies van anker en ketting binnengelopen.


28 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 mei. De 26e maart arriveerde ter rede Ternate het Nederlands-Indische barkschip FATHUL KARIEM, gezagvoerder Sech Achmad bin Oemar Fagi, bevracht met 700 ton gouvernements-steenkolen, met de ontscheping waarvan de 28e maart daaraanvolgende een begin werd gemaakt. Des voormiddags ten 9 ure van de 3e april, toen er ongeveer een hoeveelheid van 399.900 Amsterdamsche ponden kolen gelost was, bespeurde men, dat een gedeelte van de nog in het schip zijnde steenkolen was in brand geraakt. Onmiddellijk werden alle pogingen aangewend om de brand meester te worden, doch ondanks deze sloeg de vlam reeds in de achtermiddag ten 5 ure boven het dek uit, en heeft de brand de ganse nacht voortgeduurd, zodat er des morgens van 4 april nog slechts een gedeelte van de romp van het vaartuig overig was. De inventaris is echter gered geworden. De equipage van Zr.Ms. stoomschip ETNA is gedurende de ganse dag onvermoeid bezig geweest om te trachten het vaartuig te behouden, en bijzonder hebben daarin uitgemunt de commandant en eerste officier van gezegde oorlogsbodem, de luitenants ter zee 1e kl. Vos en Servatius.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 mei. Vrachten. Gedurende de afgelopen maand hebben de volgende bevrachtingen van Nederlandse schepen plaats gehad: WELTEVREDEN te Soerabaija bevracht tot NLG 70 per last voor suiker en NLG 52,50 voor tabak naar Rotterdam. MAASSTROOM laadde hier tot NLG 76,50 voor suiker en NLG 35 voor koperen duiten te Soerabaija en Passaroeang te laden naar Rotterdam. STELLA MARIS (307 ton) tot 45 doll. centen per pikol voor rijst naar Hongkong of Macao. De COMMISSARIS DES KONINGS VAN DER HELM is bevracht door de Factorij tot NLG 70 voor suiker te Soerabaija en NLG 80 voor koffij te Padang te laden en NLG 30 voor tin naar Rotterdam. AEGIDIA EN PAULINA (747 ton) tot 54 doll. centen voor rijst naar Hongkong, Macao of Whampoa. ANTOINETTE SERAPHINE (373 ton) 47½ doll. centen voor rijst naar Hongkong. ROBERTUS HENDRIKUS NLG 82,50 voor koffij te Padang en NLG 30 voor tin hier te laden naar Rotterdam. VOORWAARTS (706 ton) 54 doll. centen voor rijst, hier te laden, naar Hongkong of Macao. HOLLANDS TROUW vertrekt naar Hongkong. CANTON werd te Soerabaija naar Rotterdam vervracht tot NLG 75 voor suiker en NLG 60 voor tabak te Amsterdam te leveren. De BULGERSTEIN is bevracht tot NLG 82½ voor suiker van Tjilatjap en tot NLG 90 voor koffij van Padang naar Amsterdam.
De volgende Nederlandse schepen zijn nog disponibel: BIESBOSCH, JOHANNA, LOUIS MEIJER, ESTAFETTE, DE ZWIJGER, WATERLOO, PHILIPS VAN MARNIX, PAULINA, AZIA, CATHARINA WILHELMINA, LOEVESTEIN, ARLEQUIN, en ZAANSTROOM.
De IJSSEL, DRIE GEZUSTERS, JAN PIETERSZOON KOEN, JACQUELINE en ELIZE, JHR. MR. V.D. WALL VAN PUTTERSHOEK en HOLLANDIA doen kustreizen.


29 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 26 juni. Het barkschip NOORDPOOL, kapt. Carl Koch, alhier te huis behorende, is volgens telegram jongstleden zondag (opm: 24 juni) van de robbenvangst teruggekeerd en te Tonsberg binnengekomen met 1.280 robben.


30 juni 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 22 mei. Het op de 13e dezer in de Simonsbaai binnengelopen Nederlandse schip (opm: bark) ULYSSES, kapt. F.T.A. Möllinger, van Grimsby naar Macasser, heeft op 39º Z.B. en 20º O.L. zeer slecht weder ondervonden en daarin schade aan het roer bekomen en zeilen en rondhouten verloren.


01 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gouda, 30 juni. Heden namiddag omstreeks 3½ ure is alhier in tegenwoordigheid van vele genodigden en een grote toeloop van nieuwsgieringen met het beste gevolg van stapel gelopen het stoomschroef-flottillevaartuig de LINGE, gebouwd op de werf Kromhout van de heer D. Borkus alhier.


02 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Willem van Rossem, makelaar, presenteert als lasthebbende van zijn principalen, op maandag, zijnde 16 juli 1860, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, des avonds ten 6 ure, ten overstaan van de notarissen G. Schimmel en Mr. C. J. Diemant, aan de meestbiedende of hoogst mijnende te verkopen: een extra ordinair snelvarend ijzeren stoomschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ZUIDERZEE, gevoerd door kapt. Dalmeijer, volgens binnenlandse meetbrief lang 24 el 50 duim, wijd 3 el 1duim, hol 1 el 48 duim, en alzo gemeten op 109 tonnen, en dat verder met deszelfs complete uitmuntende machineriën van 50 paardekrachten en van lage drukking, en inventaris, nader bij biljetten te omschrijven.
Het voorzegde stoomschip ligt vanaf de 6e juli e.k. aan een der steigers van de Nieuwe Stads Herberg of Rhijn-en IJssel Stoomboot-Maatschappij aldaar.
Iemand nader onderricht begerende spreke met bovengemelde makelaar.


03 juli 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, zo goed als nieuw, groot 22 tonnen, met inventaris. Te bevragen, met franco brieven, bij Egbert Grasman te Jellum.


04 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juli. Het schip UNION, kapt. Albers, van Amsterdam naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is gisteren met schade in het Oosterdok teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 29 juni. Het schip WILHELMINA, kapt. Cassens, van Middlesbro’ komende, is alhier als bijlegger binnengelopen, hebbende zeer zware lekkage en andere zeeschaden. Het moet lossen om te repareren.


05 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 juli. De Franse schoener MINE, van Dantzig (opm: Gdansk, doch blijkt later foutief te zijn) met tarwe naar de Maas, is op de Ooster gestrand. De equipage is gered en te Ouddorp aangekomen. Men is bezig de lading te bergen en er is bereids hier iets van aangebracht. Het schip zit geheel onder water en zal weg zijn.


06 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 4 juli. Heden nacht strandde op de kusten dezer gemeente de Franse schoener MINE, kapt. Hemes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), met een lading rogge naar Antwerpen bestemd.
De equipage is door A. van der Linde en P. Kasteleijn, schippers alhier, behouden aan wal gebracht, benevens een gedeelte der lading en tuigage, terwijl alles wordt aangewend om te redden, wat mogelijk is. Het schip is lek en zal hoogstwaarschijnlijk niet meer vlot kunnen worden gebracht. (Reeds gisteren doch toen minder juist gemeld.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 5 juli. Van de op de Ooster gestrande Franse schoener MINE, zijn enige goederen geborgen en hier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Aangaande de Nederlandse kof BEERENDINA HUGUES, kapt. Bekkering (opm: galjoot BERENDINA HUGES, kapt. K.H. Bekkering), de 3e april van Pillau (opm: Baltiysk) naar Antwerpen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zullen als last hebbende van hunne meesters, op dinsdag de 31e juli 1860, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk I, Nº. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, gekoperd en kopervast fregatschip HUGO GROTIUS, laatst gevoerd door kapt. A.K. Zweede.
Gebouwd op de werf van de heren Gebroeders Visser alhier, volgens meetbrief lang 38 ellen, wijd 7 el 20 duim, hol 5 el 50 duim en alzo groot 673 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, zo als hetzelve is liggende in de Vlugthaven, binnen deze stad.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht een chronometer.
N.B. Volgens bestaande rangregeling zal vermoedelijk dit schip in februari of maart van het volgend jaar in de bevrachting der Nederlandsche Handel-Maatschappij worden opgenomen, hebbende tien reizen in dienst dezer maatschappij gedaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 juni (opm: 3 juli, zie ook volgend bericht). Gisteren is door drie schepen, waarbij een Hollands en een Deens, een kofschip gevonden op de hoogte van Doggersbank. Het vaartuig bevond zich in zinkende staat, was geladen met klipsteen, doch door het volk verlaten. Van elk schip werd nu een man aan boord van dit vaartuig overgezet en deze drie personen hebben het, na het doorstaan van grote bezwaren, hier binnengebracht. De kof moet te Delfzijl te huis behoren.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 4 juli. Den 29 juni l.l. zagen de twee Nederlandse schepen THEMES, kapt. Jonker (opm: kof THEMIS, kapt. J.H. Jonker), en TRITON, kapt. Munniks (opm: kof, kapt. J. Munniks, mogelijk J. Munnix), alsmede het Deense brikschip TURIBORG, kapt Knumögensen (opm: mogelijk Knud Mögensen), bijna gelijktijdig op de hoogte van Doggersbank een kofschip, waarop de noodvlag was gehesen. Bij onderzoek bleek het vaartuig verlaten te zijn, misschien uit vrees van te zullen zinken, daar er ongeveer drie voet water in het hol bevond. Met gemeen overleg werd besloten van ieder schip één man op het gevonden vaartuig over te plaatsen, om het, zo mogelijk, in de naaste haven te brengen. De THEMES, TRITON en TURIBORG vervolgden daarop hun reis, waarna het aan de drie manschappen: Feije Feijes, Jacob Pieters Bleeker en Albert Andersen Rasmussen mocht gelukken het gevonden kofschip, de WUBBECHINA ILBINA (opm: WUBBEGINA ILBINA), kapt. G.F. Bloema, zie LC 200760), geladen met klipsteen, hier de 2e dezer behouden binnen te brengen en ter dispositie stellen van de opperstrandmeester.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G. Boschloo te Heerenveen zal op donderdag de 12e juli 1860, ’s voormiddag 10 uur, ten verzoeke van de heer Mr. Ph. van Blom, procureur te Heerenveen, als curator in het faillissement van Bartele Pieter Cats te Nijehaske, ten huize van genoemde Cats, op den Heerenwal, tegen gerede betaling verkopen:
1: Een in aanbouw zijnde kleine Tjalk en 6 Pramen of Bokken.
2: Scheepstimmergereedschappen, als: 10 takelblokken met lopers, 12 dommekrachten, 10 vijzels, kettingen, hellinghaken, 2 hellingjijnen (opm: talies), draaibouten, driften, brandijzers, slijpsteen, schammels (opm: bokjes) enz.
3: Scheepstimmerhout, als: eiken, grenen en vurenhout, planken, kromhouten, dekbalken, woudbomen, schroten, blokken, zaagstukken.
4: Meubelen en huisraad, als: kabinet, secretaire, klok, 2 bedden, tafels, stoelen, glas, koper, tin, blik en ijzerwerk enz.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij.
Stoomvaart van Harlingen naar Hull, mede voor goederen naar Newcastle, Leith, Leeds, Manchester en omliggende plaatsen. De eerste klasse Nederlandse stoomschepen MEDEA en RUBBENS vertrekken beurtelings van Harlingen naar Hull iedere woensdag.
Adres voor passagiers, goederen en vee te Harlingen bij de agent J. Foekens.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Lemster Stoomboot-Reederij
De stoomboot STAD SNEEK, vaart:
Zondags te 12 ure van Lemmer,
Maandags namiddags te 3 ure van Amsterdam.
Verder alle dagen der week, ’s morgens te 9½ ure van Lemmer en ’s namiddags te 3 ure van Amsterdam.
Deze dienst staat in correspondentie met Diligencediensten van en naar Sneek, Leeuwarden, Joure en Heerenveen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Pleizier-Zeetochtje van Harlingen naar Terschelling
Bij gunstig weder vertrekt het stoomschip BURGEMEESTER ZIJLSTRA van Harlingen naar Terschelling, op zaterdag den 7 juli 1860, ’s namiddags ten één uur, om ’s avonds circa 9 uur terug te zijn. Vracht heen en terug NLG 1 per persoon.
Nadere informatie bij de boekhouder N.J. Schenkius te Harlingen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder L. Heeringa te Ferwerd zal, ten verzoeke van de heer burgemeester, strandvonder van Westdongeradeel, op zaterdag den 14 juli 1860, des namiddags vier ure, aan de zeedijk bij het zogenaamde Dijkshuis te Holwerd, publiek, tegen gerede betaling verkopen: een in goede staat zijnde Franse barkas, lang ongeveer 6 ellen, breed 2 ellen, liggende aan de zeedijk bij Holwerd.


07 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. Uit Willemsoord wordt het volgende gemeld: De instructiebrik URANIA is gisteren ter rede in de haven teruggekomen, en de adelborsten van het tweede studiejaar zijn gisteren morgen gedebarqueerd, om maandag hun studie te hervatten. De commandant van de URANIA, de luitenant ter zee 1e klasse J. J. Boelen moet, naar ik hoor, zeer over hen voldaan zijn. Heden vertrekt de URANIA weer om met de adelborsten van het derde studiejaar te kruisen.
Het stoomflottillevaartuig HECTOR is gisteren middag naar de rede gegaan, en zal wanneer het weder, dat thans zeer onstuimig is, zulks toelaat naar zee vertrekken. Dit vaartuig dat aanvankelijk voor de dienst in Oost-Indië bestemd was, zal, evenals de VULCAAN, in de West moeten dienst doen, daar het geenszins aan de verwachting beantwoordt, maar toch nog te gebruiken schijnt om tegen het weglopen der negers te waken. Als zeilschip is het zeer middelmatig en als stoomschip ongeschikt, daar het noch tegen wind noch tegen de stroom der Indische rivieren kan opstomen, en de praauwen meer dan 5 mijl vaart roeien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Staats-Courant behelst de volgende vergelijkende opgave der schepen, waarvoor in de eerste zes maanden van 1859 en 1860 voor de eerste maal Nederlandse zeebrieven zijn uitgereikt:
1859

Soort der schepen Binnenlands Buitenlands Totaal
gebouwd gebouwd
Schepen Lasten Schepen Lasten Schepen Lasten
Fregatten 2 808 - - 2 808
Barken 6 1744 - - 6 1744
Brikken 6 595 1 102 7 697
Schoeners 14 1234 3 178 17 1412
Brigantijnen 1 98 - - 1 98
Galjoten 18 1142 1 40 19 1182
Koffen 3 117 - - 3 117
Tjalken 3 101 - - 3 101
Smakken 1 31 - - 1 31
Bunschepen - - - - - -
Stoomboten - - - - - -
54 5870 5 320 59 6190

1860

Soort der schepen Binnenlands Buitenlands Totaal
gebouwd gebouwd
Schepen Lasten Schepen Lasten Schepen Lasten
Fregatten 2 780 - - 2 780
Barken 1 395 1 119 2 514
Brikken 5 484 1 85 6 569
Schoeners 15 1251 2 105 17 1356
Brigantijnen - - - - - -
Galjoten 20 1308 - - 20 1308
Koffen 4 192 1 82 5 274
Tjalken 9 294 - - 9 294
Smakken - - - - - -
Bunschepen 1 9 - - 1 9
Stoomboten - - 3 294 3 294
57 4713 8 685 65 5398


Krant:

  JB - Javabode

Batavia, 23 juni. Het schip (opm: fregat) WILLEM DE EERSTE, kapt. T.J. Niedfeld, vertrok heden naar Singapore om verkocht te worden.


08 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 6 juli. De Nederlandse bark ZEEMANSHOOP, kapt. Hansens, van Nerva met hout naar Amsterdam, is hier lek binnengelopen.


09 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 juli. Het schip CATTEAUX WATTELL (opm: Belgische clipper, kapt. A.J. Nicaise) is de 14e mei te Sydney verbrand. De lading was geheel gelost. (opm: zie NRC 110760).


10 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 juni. Het Nederlandse schip (opm: bark) DECIMA, kapt. E. Akkerman, van Java naar Amsterdam bestemd, is de 1e dezer alhier binnengelopen om een lek te stoppen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Stoomvaart van Harlingen op Hull en van Hull terug op Harlingen via Zwolle.
Het Nederlands ijzeren stoomschip MINISTER THORBECKE, kapt. Nepperus, vertrekt van Harlingen wekelijks des zaterdags morgens met het eerste getij, behoudens buitengewone omstandigheden, en van Hull terug via Zwolle op hier des woensdags morgens, waarmee uitmuntende gelegenheid bestaat tot het aanvoeren van manufacturen en allerhande goederen rechtstreeks tot Harlingen, tot billijke vracht en onkostenberekening.
Adres en informatie bij de agenten:
W.C.L. Ringrose, Hull
I. & S. Wiarda, Harlingen


11 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 9 juli. Heden is alhier in de Blaauwe Slenk behouden binnengekomen de Groenlandsvaarder DIRKJE ADAMA, kapt. H. Wilst. Wegens het vele stormweder heeft men niet meer dan 200 robben gevangen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juli. Het schip GRAAF VAN HEIDEN REINESTEIN, kapt. J. Wamsteker, van Batavia alhier in het Oosterdok aangekomen, is in het Groot Noord-Hollandsch Kanaal aangevaren door het schip GROOTMEESTER NATIONAAL, kapt. A.F. Giesse, van hier naar Batavia, en heeft daardoor de boeg ingestoten, het galjoen en de fokkera gebroken, en meer andere schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 7 juni. Het alhier in averij binnengelopen schip DECIMA, kapt. Akkerman, van Batavia naar Amsterdam – zie NRC van gisteren – moet lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sydney, 12 mei. Het alhier ter rede verbrande Belgische schip CATTEAUX WATTEL – zie NRC van 9 dezer – had een gedeelte der retourlading, waaronder 600 balen gom, 700 huiden en 22 balen wol aan boord.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 3 juli. Het Engelse stoomschip PRINS VAN ORANJE, kapt. R.S. Thailarsen, is de 3e dezer alhier gearriveerd, komende van Batavia. (opm: het schip is onder Engelse vlag van Schotland naar Nederlands-Indië uitgebracht; een datum van aankomst te en vertrek van Batavia is niet in de Java-Bode gevonden)


12 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. Voor het vaartuig de HOLLANDSCHE DUIKER is een nieuwe duikerklok, volgens aanwijzing van de heer Taurel te Kampen, vervaardigd op de fabriek van stoom- en andere werktuigen van de heren Roest & Van Galen aldaar. Naar men verneemt, zal genoemd vaartuig naar Kampen gebracht worden, om met de duiker proeven te nemen, waarna het verder zal dienen bij de pogingen om uit het wrak van de LUTINE de nog aanwezige voorwerpen op te halen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. Dezer dagen is aan het strand te Katwijk aan Zee aangespoeld een Veendammer nommervlag No. 220, zijnde dit nommer gevoerd door kapt. R. Rijkens. Het schip PLEIADES (opm: PLEIADEN), kapt. R. Rijkens, van Newcastle, is in het laatst van mei op de kust van Noordwijk verongelukt (opm: zie PGC 060660).


13 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Volgens particulier schrijven van kapt. Van der Hoeven, voerende het alhier te huis behorende fregatschip JEDO, was hij de 3e mei behouden van hier te Melbourne gearriveerd, hebbende de reis vanaf Deal in de korte tijd van 84 dagen gedaan.
Kapt. Van der Hoeven meldt verder, dat hij de 13e maart op 26º Z.B. en 32º W.L. gepraaid heeft de Nederlandse bark JEANNETTE EN CORNELIA, kapt. J. Verhoeven, van Rotterdam naar Singapore bestemd. Aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Van de schepen TELEGRAPH, kapt. Voss (opm: buitenlander), de13e mei van Libau (opm: Liepaja) naar de Maas, en GOUDVISCH, kapt. Jonkhoff (opm: galjoot, kapt. G.A. Jonkhof; zie ook PGC 190161), de 14e mei van Pillau (opm: Baltiysk) naar Fareham vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 juli. Na een afzijn van 5 maanden keerde heden in onze haven terug de Groenlandsvaarder DIRKJE ADEMA, commandeur H. Wilds. De bemanning bevond zich in de beste welstand, ofschoon 2 derzelve, de scheepsdokter en een matroos, op de reis overleden zijn. De vangst is echter ongelukkig uitgevallen en bestaat slechts in ruim 200 robben en één vinvis.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

De Staat van rangschikking in het faillissement van Jan Hartmans Wijbrands, vroeger scheepstimmerman te Stavoren, is heden met de daartoe betrekkelijke bescheiden ter griffie der Arrondissement Rechtbank te Sneek ter neder gelegd, om aldaar veertien dagen te verblijven ter inzage van een ieder.
Sneek, 10 juli 1860 Mr. B.S. Stienstra, curator


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 2 schepen uit de hand te koop: een Roefschip, groot 13 ton, met complete inventaris, en een Potschip (opm: schuit waarmee men aardewerk vervoert), groot 9 ton, met mast, staag en potterak (opm: waarschijnlijk bedoelt men:pottebank, stellage waarop men de potten plaatst), beide in beste staat. Te bevragen aan de scheepswerf te Deinum.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cork, 9 juli. De REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. D. Forbes Browning, van Cardiff naar Hongkong, alhier binnen, is, na volbrachte reparatie, uit het Royal Victoria droge dok gehaald.


15 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 9 juli. Het schip JONGE HERMAN, kapt. Hehr (opm: buitenlander), is de 5e juli op de reis van Grimsby naar Nerva gezonken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Trinidad, 23 juni. Naar men zegt is er een van Liverpool komende Nederlandse brigantijn de 20e mei te Campano binnengelopen, maar heeft die plaats onmiddellijk weder verlaten. Later is het schip aldaar nog verscheidene malen op de kust gezien, zijnde wellicht het Nederlandse schip JANTJE MEIJER, kapt. D.E. de Jong, van Liverpool naar Trinidad bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, zullen als last hebbende van hunne meesters, op dinsdag de 31e juli 1860, des namiddags ten half een ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk I, No. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands schoener-brikschip, BACCHUS, laatst gevoerd door kapt. E.H. Zuidema, volgens meetbrief lang 29 el 20 duim, wijd 4 el 62 duim, hol 3 el 6 duim en alzo groot 183 tonnen of 97 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals dezelve thans is liggende aan de Wolfshoek binnen deze stad.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 17 mei. Uit een schrijven van Japan nemen wij het volgende over:
Na de jongste gebeurtenissen is het geen wonder dat men te Kanagawa (opm: havenplaats nabij Tokyo) met blijdschap de tijding vernam, dat aldaar Zr.Ms. stoomschip de GRONINGEN zou komen, welk stoomschip de 11e maart van Nagasaki vertrok, na op die plaats drie weken vertoefd te hebben. De twee eerste dagen ging de reis zeer voorspoedig, doch de derde dag kwam een harde N.O. wind opzetten waarbij men niets vorderde. Daarbij zware regens, een hoge zee, vreselijk slingeren en stampen en een vinnige onaangenaam vochtige koude. De wind veranderde weldra in storm en spoedig bemerkte men dat men een cycloon tegemoet was gegaan; de 4e dag der reis brak het roer, en hachelijk was toen de positie van het stoomschip te midden van woedend stormweer, hoge zee en het land (een steile rotsachtige kust) onder de lij.
Zo veel mogelijk werd getracht het kwaad te verhelpen; doch de geweldige zeeën sloegen alles kort en klein; noch kettingen noch touwen waren daartegen bestand.
Van de draaiingen van de wind werd intussen gebruik gemaakt om in de koers te vorderen en op deze wijze Simoda tot op 40 mijlen afstand genaderd. Het was evenwel niet doenlijk om met dat schip de reis te vervolgen, waarom besloten werd naar Simoda af te houden. De koers was daarvan N.N.O, doch niet lang daarna werd ook de wind aldus en spoedig lag het schip met N.O. storm bij. – Simoda moetende opgeven, werd getracht Osaki te halen en voor de binnenzee, waaraan Osaki ligt, gekomen was het kalm weer, maar ook dikke mist.
Des avonds klaarde de mist op en stoomde het schip de binnenzee in, doch ten 1 uur ’s nachts om de N.W. stomende, kwam wederom de wind uit die hoek en des morgens lag het schip wederom bij met een storm uit het N.N.W. vlak onder de kust, met hoge zee. De dag daarop kwam de zon een weinig door en was de wind een weinig bedaard. Men bemerkte toen dat de stroom het schip 15 mijl om de Z.W. had gezet; doch er stond een hoge deining onder het noorden, en moest men opgeven om Osaki weer te halen. Daarop werd besloten kaap Tosa om te zeilen en de Boungastraat in te lopen, ten einde op deze wijze te trachten in de binnenzee te komen. Zulks geschiedde, doch wederom joeg een storm uit het noorden het schip terug en toen geen andere haven meer onder de lij hebbende schoot er niet anders over dan naar van Diemen af te houden.
De 24e maart kwam de GRONINGEN aldaar aan, met het plan om de baai van Latsuma in te lopen en ankergrond te zoeken, doch voor de baai gekomen was het nacht.
Het schip kon toen niet binnen, zette de reis voort, en kwam de volgende dag in de Japansche zee, om naar Nagasaki terug te keren, alwaar het twee uur te laat kwam om binnen te kunnen lopen.Alweer moest onder de wal bijgedraaid worden; het weer was koud en mistig; de spanning was groot, want na zoveel onheil vreesde men opnieuw dat ook nu nog het weer het schip zou beletten binnen te lopen, doch gelukkig bemerkte men bij het aanbreken van de dag dat het nog voor het gat lag. Spoedig werd daarop naar binnen gestoomd, en kwam de GRONINGEN de 25e maart op de rede te Nagasaki van een verloren reis terug, na veertien dagen met allerlei grote onheilen te kampen gehad te hebben, terwijl men te Kanagawa de GRONINGEN als verloren beschouwde.
Behalve het breken van het roer, is er nog veel averij aan schip, tuig en machine, terwijl het roer geheel vernieuwd moet worden, waartoe het hout enige dagreizen van Nagasaki moet komen, daar in de omtrek geen hout gevonden wordt dat zwaar genoeg is.


16 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juli. Wij vernemen, dat de stoomboot ATTALANTE (opm: kapt. W.L. Hartman), aan een Nederlandse rederij toebehorende (opm: Jan Schut en anderen, Amsterdam), varende tussen China en Japan, te Hong Kong aan het Engelse Gouvernement verkocht is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juli. Zr.Ms. schroefstoomschip CORNELIS DIRKS, thans op de terugreis van Zuid-Amerika, vroeger bestemd om ter rede van Texel binnen te vallen, moet alsnu te Hellevoetsluis binnenkomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 13 juli. Heden is alhier met verlies van grote steng en andere schade binnengelopen het Nederlandse schip (opm: bark) CAROLINA, kapt. L. Struyk, van Amsterdam, laatst van Harwich, naar Suriname bestemd. Het schip bekwam deze averij in een aanzeiling op de hoogte van Zuid-Voorland (opm: South Foreland).


17 juli 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Puik kroon klaphout (opm: gekloofd eikenhout tot duigen voor klein vaatwerk), nieuw aangevoerd per ’t schip (opm: kof) THEA, kapt. D. Pothuis, te bekomen bij Hubert Jans en Co te Harlingen.


18 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. Te Vlissingen is de 14e dezer op ’s Rijks marinewerf de kiel gelegd van een schroefstoomschip 2e klasse, dat de naam zal voeren van CURAÇAO.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. De machine van het nieuw gebouwde schroefstoomschip HAARLEMMERMEER is beproefd en heeft uitmuntend voldaan.


19 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 juli. De Nederlandse schepen HENRIETTE GERARDINE SUSANNE, kapt. Sissing, en ISAAC DA COSTA, kapt. Loseken (opm: H.C. Löschen), respt. Van Hartlepool en Sunderland te Singapore gearriveerd, hebben schade.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 juli. De 10e dezer is op de hoogte van Ameland gezien een op 10 vademen water over zijde vastliggend schip, vermoedelijk een bark. Het was niet gekoperd en had het roer verloren. Naam en andere kentekenen waren niet te ontdekken.


20 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 19 juli. Heden is alhier op de werf van de heer Jan Smit Czn de kiel gelegd voor een fregatschip, genaamd INDIA PACKET, voor rekening van de heren Gebr. Hendrichs & Co te Amsterdam, van 400 gemeten lasten, bestemd voor de grote vaart.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 18 juli. Het schip FREDERIK GEBHARD (opm: buitenlander), naar Melbourne bestemd, is bij Paraibo verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pernau (opm: Pärnu), 16 juli. Het schip JUNO, kapt. Schmidt (opm: vermoedelijk buitenlander), van Riga naar Schiedam, is alhier lek binnengelopen, na de 4e dezer op de Rigaer Höhe aangezeild te zijn; de lading wordt gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam, als lasthebbende van hunne meesters, zijn van mening, op dinsdag de 7e augustus 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het in den jare 1856 gebouwde snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip, ZUID BEVELAND, gevoerd door kapt. J. van der Meulen, volgens meetbrief lang 36 el 90 duim, wijd 6 el 97 duim, hol 5 el 8 duim, en alzo groot 581 tonnen of 306 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen.
Chronometer en verdere inventaris, zo als hetzelve is liggende in de Zalmhaven aan de scheepstimmerwerf van de heren de Jong, Kortland, en Anthonij, te Rotterdam.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.J. van der Meulen, W. Bakker B.zn, makelaars, zullen, ten overstaan van de deurwaarder B. Farret, op maandag de 6e augustus 1860, des avonds ten 6 ure precies, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam in publieke veiling presenteren te verkopen: een extra ordinair welbezeild kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: LUCONIA, gevoerd door kapt. C.J.D. Hulshoff, laatst door de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht, de 28e maart 1859 te huis gekomen, volgens Nederlandse meetbrief lang 37 ellen 50 duimen, wijd 7 ellen 4 duimen, hol 5 ellen 16 duimen, en alzo gemeten op 650 tonnen of 320 lasten.
Breder volgens inventaris, welke in tijd bij bovengenoemde makelaars of bij de makelaars F.N. & W.H. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, verkrijgbaar zullen zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Voor enige tijd werd door drie schepen gevonden en te Harlingen aangebracht het kofschip WUBBECHINA IBBINA (opm: WUBBEGINA ILBINA, zie ook volgend bericht), geladen met klipsteen en toebehorende aan kapt. Bloema van Farmsum (opm: zie LC 060760). Thans is gebleken dat de equipage, bemerkende dat het schip lek was en reeds drie voet water in had, in de tijd des gevaar de sloep had uitgezet en ook de kapitein in de noodzakelijkheid gebracht had de bodem te verlaten. Zij hadden daarop koers gezet naar een Noors vaartuig, dat hen opnam en naar Noorwegen bracht. Van daar hebben zij over Hamburg het vaderland weer opgezocht, en op dit ogenblik is de kapitein weer aan boord van zijn schip.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 18 juli. Het onlangs in de Noordzee zonder bemanning gevonden en hier aangebrachte kofschip WUBBEGINA ILBINA (opm: WUBBEGINA ILBINA), geladen met klipsteen, behoorde aan de kapitein Bloema (opm: Geert Fokkes Bloema) te Farmsum. Toen de equipage bemerkte dat het water in het hol klom, zette zij de sloep uit, om zich op een nabij zijnd Noords schip te redden. De kapitein, die de bemanning eerst bij zich zocht te houden, was eindelijk genoodzaakt mede te gaan, wilde hij niet alleen aan boord blijven. Na door het voorbij zeilende schip opgenomen en in Noorwegen aan land gezet te zijn, keerden allen in het vaderland terug. De kapitein heeft thans zijn schip weder in bezit genomen.


21 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 juli. Aan kapt. A.K. Zweede van de Nederlandse bark HUGO GROTIUS is door de Engelse regering toegekend een gouden horloge met ketting ter waarde van 25 guinjes voor het door genoemde gezagvoerder redden en behouden te Rotterdam aan wal brengen van kapitein Richardson, diens vrouw en 15 schepelingen van het te Londen te huis behorende schip TRAFALGAR, dat de 21e april l.l. is gezonken (opm: zie o.a. NRC 160560).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 juli. Van het schip FRIEDERICKE, kapt. Jansen (opm: buitenlander), 7 mei van Pernau (opm: Pärnu) naar de Maas vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 juli. Het schip (opm: fregat) KANDANGHAUER, kapt. W. Zeelt, de 20e mei van Newcastle (N.Z.W.) te Batavia aangekomen, heeft op de reis bij Zuster Pol-eilanden op koraalgrond een anker en ketting verloren.


24 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juli. In de bekende zaak der KLAZINA heeft het provinciaal hof van Zuid-Holland het volgende arrest gewezen:
Ten aanzien van het recht:
Overwegende, ten opzichte van de eis in conventie, strekkende tot betaling van verzekerde gelden op het schip DE KLAZINA en op de vrachtpenningen, dat die vordering wordt bestreden met het beweren, dat van de verzekerde reis deviatie zou hebben plaats gehad, en wel door het binnenlopen, lossen en laden in de haven van Penang;
overwegende, dat blijkens de ten processe overgelegde polis van assurantie dato 9 februari, voorzien van de kennisneming van 9 april 1857, op het casco van het schip DE KLAZINA, en de polis van dezelfde 9e april, op de intrest der te verdienen vrachtpenningen, de geïntimeerden verzekerd hebben voormeld schip en intrest op vrachtpenningen voor een reis van Hongkong via Macao en Circumjacentien van dien (opm: nabijgelegen havens), naar een haven in Bengalen met vrijheid om Singapore aan te doen na order, en van daar terug naar Hongkong, en dat wijders tussen partijen vaststaat, dat het schip DE KLAZINA de 16e februari 1857 is vertrokken, Singapore heeft aangedaan, vervolgens naar Penang is gestevend, aldaar is binnengelopen, lading heeft gelost en andere ingeladen, en na vijf dagen toevens, naar Rangoon (opm: Yangon) is uitgezeild maar op die reis is vergaan (opm: zie NRC 010757);
overwegende, dat alzo bij de polissen, die hier het contract en de wet tussen partijen zijn, de haven van Penang niet wordt genoemd noch aangeduid, en die immers, naar de woordelijke inhoud der polissen, niet in de verzekerde reis is begrepen;
overwegende, dat de appellanten wel beweren dat de polissen, vrijheid gevende om Singapore aan te doen na order, ook aldaar order was gegeven, om Penang aan te doen, en dat zulks geoorloofd was, maar dat die bepaling der polissen in gezonde en redelijke zin opgevat, geen andere strekking kon hebben noch ook had, dan om te Singapore order te ontvangen, naar welke haven in Bengalen moest worden gestevend, vermits een zodanige in de polissen niet was genoemd;
overwegende, dat bovendien ten processe niet blijkt, dat te Singapore zodanige order is gegeven, terwijl zo die al gegeven mocht zijn, er alsdan order zou zijn gegeven, om naar een andere haven te stevenen dan in de polissen is bepaald, vermits de haven van Penang niet in Bengalen is gelegen, maar in de Straat van Malacca;
overwegende, dat de appellanten nu wel beweren, dat Penang zou liggen in de koers der China’svaarders naar Bengalen en het gebruik zou medebrengen die haven aan te doen, zomede dat de polissen de schipper vrijheid geven om uit nood of ter wille te mogen aannemen alle zulke havens en reeën als hij tot nut en vordering der reis zal goeddunken; maar dat dit een en ander in casu buiten aanmerking blijft;
overwegende, toch dat niets van dit alles de reden was, of aanleiding heeft gegeven tot het aandoen van laden, lossen en vertoeven te Penang, vermits bij de ten processe overgelegde charterpartij te Macao op 9 februari 1857 gesloten, bepaaldelijk is bedongen dat het schip te Penang moest inlopen, aldaar de China lading lossen en een lading innemen, zodat de schipper om die redenen alleen en om geen andere voornoemde haven dan ook heeft aangedaan, als een bestemde haven, en niet uit hoofde van andere of bijzondere omstandigheden;
overwegende, dat ook de brief van de schipper ten processe overgelegd, van Hongkong dato 12 februari 1857, met geen woord gewaagt van Penang, en derhalve tot de bedoeling van partijen bij het sluiten der overeenkomst, om Penang als een bestemmingshaven alwaar moest gelost en geladen worden, mede te begrijpen, niet kan worden besloten;
overwegende, dat op grond van een en ander met het oog op de verzekeraars, en ten hunne aanzien willekeurige deviatie der reis heeft plaats gehad, aangevangen en volvoerd zo als boven is vermeld, welke uit de aard der zaak zoals die zich voordoet, tevens het beroep der appellanten op de rénuntiatie (opm: afstand doen) van het bepaalde bij art. 251 wetboek van koophandel, bij de polissen gedaan onaannemelijk maken;
overwegende, dat de appellanten dan ook bij de uitspraak des eerste rechters ten aanzien van de conventionele eis niet zijn bezwaard.
En nu ten aanzien der reconventionele vordering:
Overwegende, dat tussen partijen in confesso is en vaststaat, dat de als onverschuldigd teruggevorderde gelden, door de geïntimeerden aan de appellanten zijn betaald en ontvangen, zo mede, dat zulks heeft plaats gehad nadat aan geïntimeerden was kennis gegeven en het hun was bekend geworden, ook uit de scheepsverklaringen, dat het schip Penang had aangedaan, maar ook niets meer, veel min van de aanleiding daartoe, al hetwelk toch eerst later, en na de betalingen is kenbaar geworden uit de charterpartij, door de gezagvoerder bij zijn komst hier te lande medegebracht;
overwegende nu, dat bij de beoordeling van de conventionele eis is overwogen en beslist, dat de geïntimeerden, uit hoofde van dat aandoen van Penang, zo als het was geschied, tot enige betalingen ongehouden waren, en zij mitsdien betaald hebben zonder verschuldigd te zijn;
overwegende, dat de appellanten, reconventioneel gedaagden, wel hebben beweerd, dat hier vrijwillige voldoening aan een natuurlijke verbintenis zou hebben plaats gehad, en zij wetende dat het schip Penang had aangedaan, mitsdien niet in dwaling noch wat de daadzaken noch wat het recht betreft, gebracht waren, maar dat dit beweren niet kan opgaan;
overwegende, toch dat ten deze niet de rede is van natuurlijke verbintenis, en geïntimeerden onbekend waren met de redenen die de schipper hadden genoopt Penang aan te doen, hetzij uit nood of om andere geoorloofde redenen, hoedanig toch meestal ondersteld worden aanwezig te zijn geweest, zodat zij tijdens de betaling niet konden weten noch ook wisten, veelmin dan ook beoordelen of ten hunnen aanzien dit inlopen te Penang zodanig als het plaats heeft gehad, hen van de verplichting tot betaling al of niet zoude ontheffen;
overwegende, dat alzo op grond van een en ander boven overwogen volgt, dat de geïntimeerden, reconventionele eisers ten deze, betaald hebben zonder verschuldigd te zijn, en alzo tot terugvordering gerechtigd, weshalve aan hen de reconventionele eis terecht bij het vonnis is toegewezen;
overwegende, dat de geïntimeerden enig en alleen tot bevestiging van het vonnis hebben geconcludeerd, zo als het is liggende, zodat dan ook geen nadere beslissing omtrent de hoegrootheid der renten of de uitvoerbaarheid van hetzelve vonnis bij voorraad en met lijfsdwang te pas komt;
overwegende, dat dus de appellanten niet zijn bezwaard bij de uitspraak des eerste rechters, maar die behoort te worden bevestigd;
recht doende op het hoger beroep en gezien de artikelen 638 wetboek van koophandel, 1395 burgerlijk wetboek en 56 burgerlijke rechtsvordering.
Doet te niet het appèl.
Bevestigt de uitspraak des eerste rechters tussen partijen gedaan op 30 maart 1859 en waarvan was geappelleerd.
Gelast dat hetzelve geheel en volkomen gevolg zal hebben.
Verwijst de appellanten in de kosten van het hoger beroep.
27 juni 1860.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Hektjalk, in 1853 nieuw uitgehaald, met volledige inventaris, groot 63 ton; te bevragen bij Brouwer, Schippershuis te Leeuwarden.


25 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 22 juli. Kapt. Zwaal, van Riga alhier aangekomen, rapporteert op de hoogte van Ameland, de toren van dat eiland Z. 3 mijl, gezien te hebben, een brik of bark, drijvende, door het volk verlaten en mastloos.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 21 juli. De Nederlandse tjalk ZWAANTINA MARGARETHA, kapt. De Vries, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Rotterdam, is alhier met verlies van anker binnengelopen, doch zal na hierin voorzien te hebben onmiddellijk de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio-Janeiro, 25 juni. Het Nederlandse schip (opm: schoener) SNIP, kapt. L. Strijbos, 195 dagen reis, van Hamburg naar Monte-Video, is hier 8 dezer lek binnengelopen, doch heeft de 16e na het lek gestopt te hebben de reis voortgezet.


27 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 24 juli. De Nederlandse schoener-galjoot CORNELIUS DASSE VIËTOR, kapt. O.A. Borgman, van Brake naar de Oostzee, is alhier met schade wegens aanzeiling binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars P.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff, te Rotterdam zullen als lasthebbende van hunne meesters op dinsdag de 28e augustus 1860, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, No. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1854 gebouwde, gekoperd en kopervaste Nederlandse barkschip ALCOR, laatst gevoerd door kapt. F.J. van Oppen, volgens meetbrief lang 36 el, wijd 7 el 4 duim, hol 5 el 9 duim en alzo groot 573 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zo als hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven binnen deze stad.
Nog zullen afzonderlijk worden verkocht een chronometer van Charles Frodsham, No. 2530; te bezichtigen bij de heren Batenburg en Co, en een kombuis met twee koperen ketels en twee lantaarns, bruikbaar tot het vervoer van 150 man troepen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. H. Halbertsma Bzn te Grouw bericht aan kuipers, dat voor hem de 23e juli 1860 gearriveerd is kapt. J.P. Oldenburger, schip (opm: kof) de HOOP, met een lading Memels klaphout (gekloof eikenhout uit Klaipeda tot het maken van duigen voor klein vaatwerk).


29 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Johns, 17 juli. Het schip EUGENE (opm: ook EUGENIE, zie NRC 240860), kapt. Van Norden, van hier naar Cork, is bij Westport (opm: op Nova Scotia; 44º16’ N.B. 66º21’ W.L.) verongelukt.


30 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juli. Men verneemt, dat het schroefstoomschip RETEH waarschijnlijk met de 1e september onder luit.t.zee 1e klasse Jhr. H.P. de Kock in dienst zal worden gesteld, en het flottille-vaartuig AMSTEL met de 1e oktober onder luit.t.zee 1e klasse P. van der Velden Erdbrink. Beide schepen zijn bestemd naar Oost-Indië.


31 juli 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ten gevolge van Z.M. besluit van de 26e dezer, nº. 60, wordt met de 16e augustus aanstaande in dienst gesteld het schroef-stoomflottille-vaartuig HAARLEMMERMEER, liggende te Vlissingen, met bestemming naar Oost-Indië, en is het bevel daarover opgedragen aan de luitenant ter zee 1e klasse P. Koning.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt uit Harlingen d.d. 30 juli: Thans is onze haven dit jaar het eerst met schepen gevuld, een gevolg van de mindere bedrijvigheid in de handel. Vooral is opmerkelijk het verschil in de aanvoeren van hout dit jaar en het vorige; men rekent, dat er voor 1 juli 1859 tweemaal zoveel hout was aangevoerd, als zulks op hetzelfde tijdstip van dit jaar het geval was.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op donderdag 9 augustus 1860, ’s avonds 7 ure, zal, ten overstaan van de notaris W.J. Hidde Bok, in het lokaal Tivoli aan Den Helder, publiek worden verkocht:
- Het hol van het met zware zeeschade in de haven van het Nieuwe-Diep binnen gebrachte Noordse met koperen bouten voorziene barkschip, genaamd EXPRESS, gevoerd geweest door kapt. Hans Bruu Johannesen, van Gothenburg naar Bordeaux bestemd geweest, groot 479 gemeten tonnen.
- Benevens enige daarvan geborgen scheepsinventaris, ankers enz.
- Voorts: de inhebbende lading, bestaande uit: plm. 13.000 grenen Gothenburger delen van 1,982 tot 8,352 el (7 tot 29½ voet) lang, Amsterdamse maat, 18,02 á 20,59 duim (7 á 8 duim) breed, Amsterdamse maat, 7,72 duim (3 duim) dik, in genoemd schip ingeladen geweest, liggende behoorlijk gekaveld; zeer geschikt ter vervoer aan de Koopvaarders Binnenhaven aan het Nieuwe-Diep.
Nadere informatie ten kantore van de heren Amons en Haagsma, cargadoors te Nieuwe-Diep, en de notaris W.J. Hidde Bok voormeld.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Iemand, het vak van scheepstimmeren, zowel praktisch als theoretisch geheel kundig en aan wie gedurende enige jaren en nog gehele bestuur ener scheepstimmerwerf is toevertrouwd, wenst, liefst zo spoedig mogelijk, of met mei 1861 weder in zodanige betrekking of als meesterknecht geplaatst te worden.
Adres, met franco brieven, onder letter H bij de boekhandelaars R. en A. Boomsma te Harlingen.


01 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 31 juli 1860:
- Het fregatschip HUGO GROTIUS, groot 673 tonnen, om NLG 19.500 verkocht; een chronometer om NLG 65 verkocht; een patentlog om NLG 41 opgehouden.
- Het Nederlands schoener/brikschip BACCHUS, groot 183 tonnen of 97 lasten, om NLG 9.600 opgehouden; een chronometer om NLG 71 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 16 juni. Het Nederlandse schip ADMIRAAL DE RUYTER, kapt. De Witt, van Passaroeang naar Amsterdam, is 8 juni lek in de Simonsbaai binnengelopen. Een gedeelte der lading is in zee over boord geworpen om het schip te lichten en men lost nu de rest om het lek te vinden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als lasthebbende van hunne meester zijn van mening op dinsdag de 14e augustus 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip JEANNETTE, laatst gevoerd door kapt. F. Visser, volgens meetbrief lang 38 el, wijd 6 el 93 duim, hol 5 el 57 duim en alzo groot 652 tonnen of 344 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Haringvliet, Zuidzijde, te Rotterdam.
Voorts zal nog afzonderlijk worden geveild een chronometer.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Op dinsdag, de 14e augustus 1860, zullen de ondergetekenden op 's Lands Werf publiek verkopen, ten half tien ure, Zr.Ms. schoenerbrik LANCIER, met mastgestel, staand en lopend tuig en een stel zeilen, zoals het schip thans ligt te Onrust, en daarna de afgekeurde inventarisgoederen van die bodem.
John Pryce & Co


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. De wnd. hoofdadministrateur van de marine, daartoe gemachtigd, maakt bekend, dat op dinsdag de 14e augustus aanstaande, door tussenkomst van de gouvernementscommissionairs John Pryce & Co, voor 's Lands marine pakhuizen te Batavia, publiek aan de meestbiedende zal worden verkocht: Zr.Ms. voor de dienst afgekeurde schoenerbrik LANCIER, met het mastgestel, staand- en lopend tuig, een oud stel zeilen en een anker met ketting, zoals dat vaartuig is liggende aan het etablissement te Onrust, benevens de van die bodem afkomstige en voor 's lands dienst niet meer bruikbare inventarisgoederen, zoals die zijn liggende in de voornoemde pakhuizen.
De verkoop van de romp geschiedt onder 's gouvernements nadere goedkeuring, die van de inventarisgoederen zonder reserve.
Uitgezonderd zon- en feestdagen is een en ander dagelijks voor het publiek te bezichtigen.
Nadere informaties zijn te bekomen bij de directeur van het marine departement te Onrust, de marine pakhuismeester te Batavia en ten burele van de administrateur voornoemd.


03 augustus 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De heren Amons en Haagsma, cargadoors te Nieuwediep, als gemachtigd door belanghebbenden, zijn van mening, op vrijdag 10 augustus 1860, ’s avonds 6 ure, in het lokaal Tivoli aan Den Helder, ten overstaan van de notaris W.J. Hidde Bok, publiek te verkopen:
De lading van het met zware zeeschade in de haven van het Nieuwe-Diep binnen gebrachte Noordse schonerschip ABRAHAM, gevoerd geweest door kapt. L. Larsen, van Christiania (opm: Oslo) naar Bordeaux bestemd geweest, bestaande uit: plm. 7.700 grenen kantrechte delen, lang van 1,982 tot 6,229 el (7 tot 22 voet), breed van 22,88 tot 23,46 duim (opm: cm.) (8½ á 9½ duim), dik 3,86 duim (1½ duim);
benevens plm. 200 Christiania platen, lang van 1,982 tot 5,948 el (7 tot 21 voet), breed 23,17 duim (opm: cm.) (9 duim), dik 7,72 duim (3 duim), alles Amsterdamse maat.
Liggende deze lading, even als die van het schip EXPRESS, waarvan de veiling tegen de 9e augustus ter zelver plaatse is aangedragen (opm: zie LC 310760), 8 dagen voor de verkoopdag, behoorlijk gekaveld, zeer geschikt ter vervoer aan de Koopvaarders Binnenhaven aan het Nieuwe-Diep.
Nadere informatie ten kantore van de heren Amons en Haagsma, cargadoors te Nieuwe-Diep, en de notaris W.J. Hidde Bok voornoemd.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Veerschip met zeil en treil, bij J. van der Meer te IJlst.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een beste aardappelsnik, groot 11 ton, liggend aan de werf bij T. Bergsma te Makkum.


04 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 26 juli. Het op de 20e dezer van hier naar Rotterdam vertrokken Nederlandse schip (opm: schoener) POMONA, kapt. L. van der Borden, is heden lek en met andere schade uit zee geretourneerd.

NRC 060860
Rotterdam, 5 augustus. Gisteren middag is te Groningen van de Binnenwerf van de heer K. Kater te water gelaten het nieuwe stoom-flottillevaartuig DELFZIJL, hebbende ongeveer 80 paardekracht.


06 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 6 juni. De Nederlandse schepen DRIE GEBROEDERS, kapt. Kramer, HOLLANDS TROUW, kapt. Keuker, en JACOBA CORNELIA, kapt. Rosenboom, allen hier ter rede liggende, zijn als transportschepen in dienst van de Engelse marine.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 juni. Vrachten. Sedert het laatste bericht hadden de volgende bevrachtingen van Nederlandse schepen plaats:
ZWIJGER NLG 80 voor suiker en NLG 67,50 voor tabak op de kust te laden naar Rotterdam. PAULINE NLG 75 voor suiker en NLG 62,50 voor tabak naar Rotterdam. VICE ADMIRAAL GOBIUS bekwam NLG 82,50 voor koffij te Padang te laden naar Amsterdam. ARLEQUIN NLG 70 voor rijst naar Rotterdam. ESTAFETTE NLG 85 voor arak NLG 70, voor suiker NLG 60, voor tabak, NLG 30 voor tin en NLG 35 voor koperen duiten, naar Amsterdam. WILLEM DANIEL NLG 80 voor suiker en NLG 75 voor koffij naar Amsterdam. KONING WILLEM III NLG 80 voor suiker, NLG 62,50 voor tabak op de kust te laden voor Amsterdam. JUNO NLG 77,50 voor suiker, NLG 70 voor tabak te Samarang en NLG 85 voor koffij te Padang te laden naar Amsterdam. KANDANGHAUER werd door de Factorij bevracht tot NLG 75 voor suiker, NLG 70 voor tabak, NLG 30 voor tin en NLG 35 voor koperen duiten naar Amsterdam. DINA bekwam NLG 75 voor suiker, NLG 80 voor Japanse goederen en NLG 30 voor tin, hier te laden naar Amsterdam. MARGARETHA SIMONETTA NLG 70 voor suiker op de kust en NLG 80 voor Japanse goederen van hier naar Amsterdam. HERCULES NLG 75 voor suiker, koffij en indigo, en NLG 70 voor tabak en huiden naar Amsterdam. DERKINA TITIA is alhier ladende voor Macao. JOHANNA laadt voor Nederland. NOACH bekwam NLG 9.500 voor een lading rijst naar Macao. AZIA en ADMIRAAL DE WINTER bekwamen 60 centen van de dollar voor rijst naar Macao.
KRIMPEN AAN DE LEK vertrekt naar Japan, ook PRINS HENDRIK is na gedane reparatie derwaarts vertrokken.
WATERLOO, JAN PIETERSZOON KOEN en de ELEANOR (Eng.) zijn te koop aangeboden. De LOUIS MEIJER, ELIZA (Eng.) en CECILIA (Zweed) liggen in reparatie.
De volgende schepen zijn nog disponibel: PHILIPS VAN MARNIX, NICOT, CATHARINA
WILHELMINA, KONING EN VADERLAND, LOUIS MEIJER, WASSENAAR, ADRINA EN JACOBA, PRINSES AMALIA, KONING WILLEM III.
De DRIE GEBROEDERS, JACQUELINE, ELIZE, en JONKH. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK doen kustreizen.


07 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 augustus. Zr.Ms. schroef-stoomschip CORNELIS DIRKS, commandant luit.t.zee 1e klasse J.F. Koopman, is de 5e dezer van deszelfs reize naar de kust van Guinea en Zuid Amerika te Hellevoetsluis teruggekeerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 augustus. Het schip DECIMA, kapt. Akkerman, van Banjoewangie herwaarts gedestineerd, met schade te Mauritius binnengelopen had, volgens brief van daar van de 7e juli, bijna de reparatie volbracht. Van de lading waren 1.000 balen beschadigd bevonden en verkocht.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 4 augustus. Men verneemt, dat de heer W. Heinke, ingenieur van het Engelse Gouvernement, dezer dagen, op last van de Londense Lloyd’s, de LUTINE heeft onderzocht. Hij heeft bevonden, dat het zand, dat het wrak bedekte, is verdwenen en dat men nog in dit jaar mag verwachten dat een aanzienlijke hoeveelheid goud en zilver zal worden opgehaald.


08 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 7 augustus 1860:
- Het Nederlands barkschip ZUID BEVELAND, groot 306 lasten: om NLG 47.500 verkocht.
- De chronometer om NLG 95 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 7 juli. Het alhier binnengelopen Nederlandse schip ARLEQUIN, kapt. Singer q.q, van Batavia naar Rotterdam bestemd, is lek en moet de lading lossen om te repareren.


Krant:

  JB - Javabode

Te Batavia ligt in lading de Nederlands-Indische bark CRENELINE, thans hernaamd JOHANNA, kapt. A. Tholen. (opm: de JOHANNA is op 16 augustus van Batavia naar Grissee vertrokken)


Krant:

  JB - Javabode

Het Nederlands-Indische barkschip WATERLOO, kapt. Paulieno, vaart thans in de kustvaart.


09 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 30 juli. Het lek uit zee geretourneerde schip POMONA, kapt. Van der Borden, van hier naar Rotterdam bestemd, is bezig om een gedeelte der lading te lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 8 augustus. Heden middag is in de nabijheid van de zwarte ton op de Maasdroogen een Engelse schoener gestrand en is reeds totaal weg. Naam nog onbekend. De equipage is door een vissersloep gered. (opm: zie NRC 100860)


10 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 augustus. De gisteren in de nabijheid van de Maasdroogen gestrande Engelse schoener is later gebleken te zijn de HILDES SHARPER, kapt. Barnet, van Middlesbro’ met een lading ijzer naar Rotterdam bestemd. Een gedeelte van de inventaris en enig rondhout is te Hellevoetsluis aangebracht. Het schip is totaal weg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 augustus. Het te Hellevoetsluis binnengekomen schroefstoomschip CORNELIS DIRKS zal vermoedelijk bestemd worden naar West-Indië, ter vervanging van de VESUVIUS, die van daar zal terugkomen.
Dezer dagen werden in het dok aldaar binnengesleept de op particuliere werven aangebouwde verdedigingsvaartuigen CLAUDIUS CIVILIS, POLLUX, WODAN en THOR, die na hun tuig en artillerie te hebben ontvangen, in conservatie zullen blijven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Montevideo, 28 juni. Het Belgische schip (opm: bark) PACKET, kapt. Janssen, is alhier afgekeurd.


11 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 10 augustus. Het op 6 dezer van Hellevoetsluis naar Cardiff vertrokken Nederlandse schip (opm: bark) PRINS VELDMAARSCHALK, kapt. D.L. Immink, is hier heden uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 8 augustus. Het schip INKERMAN, kapt. Smilde (opm: mogelijk buitenlander), van de Clyde naar Bombay, is in de baai van Biscaye gezonken.


12 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Willemsoord wordt het volgende gemeld: Het schroefstoomschip CORNELIS DIRKS, dat te Hellevoetsluis is binnengelopen, zal naar de Middellandse Zee vertrekken om de ADMIRAAL VAN WASSENAAR af te lossen, die terug zal komen om van equipage te verwisselen. De thans op laatstgenoemd schip geoefende manschappen zullen worden geplaatst aan boord van de schepen die naar Oost-Indië moeten vertrekken. De equipage wordt weer met nieuw volk gecompleteerd. Sommigen beweren dat door het binnenkomen van de CORNELIS DIRKS, de reis van de CYCLOOP, die zo als ik u onlangs schreef zich bij het eskader zou voegen, zal vervallen; aangezien het voor niet raadzaam wordt gehouden een als zeeschip zo totaal ongeschikt vaartuig naar de Levant te zenden, vooral in dit jaargetijde. Als opvolger van de kapitein-luitenant ter zee J.P.G. Muller in het commandement van de CYCLOOP, wordt genoemd de kapitein-luitenant ter zee F.R. Toe Water.


13 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 juni. Vrachten. Deze bleven zich flink soutineren (opm: handhaven). Met het oog op de nieuwe producten die spoedig zullen binnenkomen, en de vraag naar scheepsruimte, is vooreerst geen teruggang te verwachten. Sedert het vertrek der jongste mail vinden de volgende Nederlandse schepen emplooi:
KONING WILLEM III, te Soerabaija bevracht à NLG 80 per last voor suiker en NLG 62 voor tabak, naar Amsterdam. NICOT, werd opgenomen, à NLG 70 voor tabak te Soerabaija, en 1200 pikols tin alhier van de Nederlandsche Handel-Maatschappij à NLG 30, naar Amsterdam. KONING EN VADERLAND, NLG 80 voor suiker, NLG 70 tabak en NLG 65 voor koffij van Soerabaija naar Nederland. PROFESSOR SURINGAR laadt naar Amsterdam à NLG 75 voor suiker en NLG 80 voor licht goed. PHILIPS VAN MARNIX, in lading naar Amsterdam à NLG 75 voor zwaar en NLG 80 voor licht goed. JAN PIETERSZOON KOEN, in lading naar China, vrachtprijs geheim. JACOB ROGGEVEEN door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 100 voor koffij van Menado naar Amsterdam. WILLEM EGGERTS, 250 ton, bedong NLG 9.000 in eens van de Nederlandsche Handel-Maatschappij voor een reis van Soerabaija naar Japan en terug, via Batavia en Singapore. Het Nederlands-Indische schip SMALLWOOD, 424 ton, is te Soerabaija opgenomen voor een lading rijst naar Whampoa of Hongkong à 55 $ cents de pikol en Macao om orders.
CECILIA (Zw), LOUIS MEIJER, MONARCH en ELIZA (Eng) zijn in reparatie.
De volgende Nederlandse schepen zijn nog disponibel: CATHARINA WILHELMINA, LOUIS MEIJER, WASSENAAR, ADRIANA EN JACOBA, JAN VAN GALEN, IDA WILHELMINA, WATERGEUS, JACQUELINE EN ELISE, en ELISABETH.
De DRIE GEBROEDERS en JHR. MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK maken kustreizen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De ondergetekende scheepsbouwmeester en houtkoper te Dordrecht, zijn scheepmakerwerf te Werkendam op de 31e maart 1860 overgedaan hebbende aan Adrianus Geerlof aldaar, bedankt zijn geëerde begunstigers voor het genoten vertrouwen, terwijl hij voor het vervolg zijn opvolger bovengenoemd – welke gedurende zeven en twintig jaren trouw en eerlijk deze zaak heeft waargenomen – aanbeveelt. Gevende tevens te kennen, dat door bovengenoemde, alle nog lopende schulden, door hem namens mij, worden ingevorderd.
Dordrecht, 11 augustus 1860 Jan Schouten


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 juni. Het Amsterdamse schip WATERLOO groot 783 ton en gebouwd in 1841 is met de inventaris in veiling verkocht voor NLG 21.600.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 22 juni. Het alhier van Batavia gearriveerde Nederlandse schip HERMAN, kapt. Van Velthoven, heeft 25 mei in Straat Mindoro een orkaan doorgestaan en daarin alle zeilen verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 22 juni. De alhier van Kanagawa (opm: haven nabij Tokyo) gearriveerde Nederlandse bark ARGONAUT, kapt. Carst, heeft in de Japanse Zee vele stormen ondervonden en daarin voorsteng, watervaten en andere goederen van dek verloren en de kajuit vol water gekregen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 22 juni. Behalve de vroeger gemelde Nederlandse schepen (opm: zie NRC 060860) DRIE GEBROEDERS, kapt. Kramer, HOLLANDS TROUW, kapt. Keuker, en JACOBA CORNELIA, kapt. Rosenboom, is nog door de Engelse marine als transportschip opgenomen de Nederlandse bark HELLEVOETSLUIS, kapt. Vos. De drie laatste schepen zijn respectievelijk 8, 17 en 9 dezer van hier vertrokken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Sociëté de Transport de Marchandises par Bateaux à Vapeur Belges.
Rotterdam – Antwerpen – Brussel – Gent.
De stoomboot No. 10, kapt. E.J. Glim, vertrekt van Rotterdam, woensdag 15 augustus 1860.
Nadere informatie te Rotterdam bij de agenten Boudier & Van der Tak, Nieuwe Haven.


14 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 augustus. Ten gevolge van Zr.Ms. besluit van 10 dezer, No. 86, zal het schroefstoomschip RETEH, liggende te Amsterdam, met de 16e september aanstaande worden in dienst gesteld, met bestemming naar Oost-Indië.
Zr. Ms. transportschip DE HELDIN, onder bevel van de luit. ter zee 1ste kl. P. Toutenhoofd, is in de morgen van de 13e dezer van de rede van Texel naar zee vertrokken, ter opvolging zijner bestemming naar Alexandrië.

NRC 150860
Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 14 augustus 1860:
- Het Nederlands barkschip JEANNETTE, groot 344 lasten: om NLG 11.350 verkocht.
- De chronometer om NLG 75, de barometer om NLG14, de symphisometer (opm: type barometer) om NLG 1 en de kaarten om NLG 25 verkocht.


15 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 augustus. Heden middag is alhier ter rede geankerd Zr.Ms. korvet PRINS MAURITS, commandant kapt.luit.t.zee C.P. de Brauw, komende van Oost-Indië.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 augustus. Volgens brief van kapt. Fekkes, voerende het schip MATHILDE, in dato Napels 7 dezer, zou hij binnen 5 à 6 dagen van daar naar Girgenti vertrekken; aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 augustus. Aangaande de volgende schepen heeft men sedert het vertrek niets vernomen:
- Het schip FRIEDERIKE, kapt. Jansen, de 7e mei van Pernau naar de Maas vertrokken.
- Het schip TELEGRAPH, kapt. Voss de 13e mei van Libau naar de Maas vertrokken.
- De Nederlandse kof GOUDVISCH, kapt. Jonkhoff, de 14e mei van Pillau naar Farnham vertrokken.


16 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 augustus. Volgens particulier bericht is het alhier tehuis behorende brikschip GOUVERNEUR ELSEVIER, kapt. H. Specht Grijp, de 19e juni op een onbekende blinde klip in de nabijheid van Axim gestrand. Een gedeelte van de lading was geborgen, doch het schip zou waarschijnlijk geheel weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 augustus. Het schip MARIA JOHANNA, kapt. Geerling, van Muscat te Mauritius aangekomen, heeft op de reis zware stormen doorgestaan en daardoor lekkage bekomen en zeilen verloren, behoefde echter niet te dokken en zou de bekomen schade spoedig gerepareerd zijn.


17 augustus 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 15 augustus. Vrijdag nacht l.l. (opm: 10 augustus) had er een ongeluk plaats, dat een ouder paar hier in diepste droefheid stortte. Fr. H, als scheepsjongen varende op het kofschip STAD EN LANDE, kapt. F. Wijma, viel in de nabijheid van ’t Vlie overboord, en, ofschoon men terstond tot zijn hulp gereed was, kon men, door het oliepak dat hij aan had, geen vat op hem krijgen, zodat hij spoedig in de diepte verdween. Men kan zich de toestand der ouders voorstellen toen het schip hier maandag binnen kwam en zij, in plaats van een geliefde zoon te kunnen verwelkomen, zijn droevig uiteinde vernamen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 16 augustus. Dinsdag j.l. heeft het groot scheepvaart kanaal van Dokkumer Nieuwezijlen door deze stad naar Harlingen voor het eerst zijn dienst bewezen. Het diep geladen kofschip ONRUST, schipper J. Mudder, te Emden te huis behorende, van Bremen naar Amsterdam, door storm en tegenwind aan de Friese kust belopen, heeft met het beste succes van de nieuwe, meer kortere en veilige waterweg gebruik gemaakt.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: enige scheepstimmermansgereedschappen, als een grote helling, zijnde zo goed als nieuw, een dito, verder woelkettingen, stjoenhaken (opm: mogelijk haken om houten huiddelen [huidgangen] m.b.v. de woelkettingen tegen de spanten te trekken), een dito en zetbeugels, 1 beste takel met blokken, grote hellinghaken met ketting en blokken, schijven, koevoeten en alles wat tot een welgestelde Scheepstimmerwerf behoort.
Te bevragen bij Age Wiebes van den Berg, scheepstimmerman ter Heeg.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een hecht schip, groot 24 ton, te bevragen bij P.W. Boorsma, scheepstimmerbaas te Oostermeer.


18 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn op heden bevracht de volgende drie schepen, als:
Voor Rotterdam: DOROTHEA HENRIETTE, kapt. D. Smit.
Voor Amsterdam: MACASSER, kapt. C.M. de Boer en ADMIRAAL DE RUITER, kapt. S. Stapert.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. Zr.Ms. instructiebrik TERNATE commandant luit.t.zee Van Asperen, is naar Harlingen gezeild om voor het einde dezer maand te retourneren en buiten dienst gesteld te worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. De 15e dezer is te Groningen van de werf van de heer K. Kater te water gelaten het tweede nieuw gebouwde stoom-flottillevaartuig STAVOREN, hebbende ongeveer 80 paardekracht. Ook dit schip is, evenals het vorige, voor rekening van het gouvernement gebouwd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. Wij vinden in de Shipping and Mercantile Gazette van 16 dezer het volgende bericht: Liverpool, 15 augustus. Het schip ARGONAUT, kapt. Carst, van Kanagawa (opm: haven nabij Tokyo), dat 16 juni te Hongkong arriveerde, is bij het ten anker komen in de haven aldaar aangevaren door de stoomboot MANILLA en werd tot op het water verbrijzeld. De stoomboot bekwam geen schade.


19 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. Heden werd te Vlissingen in dienst gesteld Zr.Ms. stoomschroef- schoener HAARLEMMERMEER, met bestemming naar Java, onder bevel van de luitenant ter zee 1e klasse Koning.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 18 augustus. Het alhier van de kust van Guinea gearriveerde Nederlandse brikschip GOUVERNEUR SCHOMERUS, kapt. Walter, heeft stengen en grote ra verloren.


21 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden mededeling. De bevrachtingen door de Nederlandsche Handel-Maatschappij.
Onder dit opschrift komen in de Amsterdamsche Courant van 4 en 8 dezer twee ingezonden stukken voor, die te curieus zijn geschreven, om niet aan velen, die deze stukken niet mochten gelezen hebben, om de daarin verkondigde stellingen, als nog die lezing aan te bevelen. Die stukken toch ademen zulk een overgrote mate van eigen baat, zelfzucht, verlangen tot bevestiging van een monopolie stelsel, dat wij ons gedurende de lezing zouden verbeelden, 50 ja 100 jaren teruggevoerd te zijn, en waarom wij ons dan ook maar even kunnen begrijpen, dat de Amsterdamsche Courant, doorgaans de oude genoemd, haar kolommen voor die stukken heeft kunnen openstellen.
Wij willen voor heden tegenover cijfers, door de schrijver dier artikelen geleverd, zo min mogelijk, misschien in het geheel geen cijfers stellen, doch hem alleen volgen op zijn redeneringen; gelovende daardoor in staat te kunnen zijn, niet alleen die redeneringen, maar ook die cijfers onberedeneerd en ontcijferd te doen zijn. Laat ons zien:
In de aanhef van het eerste stuk doet schrijver uitkomen, dat er gerede klachten zouden bestaan “over verregaande antipathie tegen Amsterdam bij de op Java gevestigde Factorij der Nederlandsche Handel-Maatschappij” doch waaromtrent de schrijver zegt: “dien aangaande niet te willen beslissen.”
Wij voor ons geloven, dat deze frase het vonnis reeds inhoudt, overtuigd als wij zijn na de lezing der stukken, dat ware hier in de verte enige schijn van waarheid aanwezig, de schrijver de bewijzen daarvoor zeer gretig zou hebben medegedeeld, in stede van te trachten door verdachtmaking een smet op een achtbaar lichaam te werpen.
Na de aanhef begint de schrijver met zijn eigen klachten en zegt, dat “het al zeer in het ooglopend is, niet alleen dat in hare bevrachtingen voor gouvernementsrekening van de benodigde scheepsruimte voor de eerste Bonische expeditie slechts zeer weinige Amsterdamse schepen zijn opgenomen, en ook die der 17 schepen voor de tweede expeditie van Boni een voor Amsterdam nog ongunstiger resultaat heeft opgeleverd, als zijnde die gegund aan slechts 4 schepen van de in het ressort Amsterdam, tegen 13 van de om de Zuid tehuis behorende vloot, maar inzonderheid ook, dat door diezelfde Factorij de niet-Amsterdamse schepen steeds bij voorkeur en allengs meer en meer met de overvoer van eigen maatschappij goederen, geen gouvernementsproducten, worden begunstigd.”
Wij weten waarlijk niet, of wij met een eigen betoog deze stellingen van de schrijver zullen beantwoorden, dan liever met zijn eigen beweringen; wij doen dit laatste, in de vaste overtuiging dat wij hem daardoor voor heden nog het meeste sparen.
Aan het einde van het eerste stuk toch maakt hij ons opmerkzaam, dat Rotterdam groter schepen gebouwd heeft dan Amsterdam; “zodat, wanneer als gewoonlijk, de ene maand door de andere een niet eens groter, maar slechts gelijk getal schepen van Rotterdam als van Amsterdam, bijv. 10 van elk dezer plaatsen, aan de beurt komt, en deze allen in de bevrachting dier maand worden opgenomen, ook altijd van de Rotterdamse scheepsruimte 19,68 % of plm. 1000 tonnen meer worden bevracht dan die van Amsterdam.”
Het behoeft waarlijk ook geen betoog, dat een gouvernement dat boven alle particuliere belangen alleen het belang van de staat raadpleegt, voor de opname van schepen voor de expeditie naar Boni die schepen opneemt welke de meeste geschiktheid hebben voor de overvoer van militairen, paarden, ammunitie enz, en die het best tot hospitaalschepen kunnen worden ingericht. En zoude het nu daaraan niet te wijten zijn “dat voor de tweede expeditie naar Boni (17 schepen) slechts 4 schepen van Amsterdam tegen 13 van de om de Zuid te huis behorende vloot “ zijn opgenomen; immers gelijk hierboven aangehaald, schrijver zegt het zelf wanneer hij wijst op “hun zo aanzienlijk verschil in grootte.”
Zou het ook hieraan niet te wijten zijn dat vele dezer schepen aan de Factorij der Nederlandsche Handel-Maatschappij voor haar retourladingen, zijnde geen gouvernementsladingen, voor die briljante vrachten van NLG 60, NLG 70 en NLG 80 zonder meer per last zijn aangeboden en door deze zijn aangenomen; zou het niet hieraan te wijten zijn – steller der genoemde stukken veroorlooft ons de uitdrukking waartoe zijn schrijven ons dwingt – dat bij de algemene gedruktheid in vrachten in de laatste tijden ietwat meerdere ambitie en ondernemingsgeest bij rederijen van om de Zuid bestaat als te Amsterdam, dat zij haar schepen uitzendende naar Australië, China, Singapore en meer andere havens in de Indische archipel of Bengalen, onder zuinige administratie en beheer, eerder er toe konden overgaan tot het aannemen der zo even aangehaalde vrachten, dan wel zij, die vele der even genoemde eigenschappen dikwerf missen. Hij vergeet ook daarbij niet, gelijk hij zelf schrijft, dat “op primo januari 1859 de Oost-Indische vloot bestond uit 607 schepen, te samen metende 347.447 tonnen, waarvan te
Amsterdam 38,81 %,
Rotterdam 45,26 %,
Dordrecht 7,38 %,
Middelburg 4,40 %,
Schiedam 4,20 % te huis behoren.”
En herinnert zich daarbij hoe dikwerf maanden, ja jaren achtereen de dokken te Amsterdam als het ware overdekt waren en nog zijn met afgetakelde schepen, terwijl elders bedrijvigheid werd bespeurd, krachtinspanning werd ontwikkeld, ten einde, zij het dan niet meer de hoge vrachten die aan die goede oude tijd herinneren. En die zo geheel de steller in de oude Amsterdamsche Courant nog voor de geest zweven, te genieten, dan toch leven te behouden in een tak van ons volksbestaan, die zoveel welvaart rondom zich verspreidt.
Steller der ingezonden stukken noemt die even genoemde grieven “stelselmatige achterzetting van Amsterdam en van de gehele provincie Noord-Holland”, doch voegt er bij “hoe benadelend deze onbillijke verdeling dier bevrachtingen voor de aldaar gevestigde rederijen dan ook zij, in dadelijke strijd met wettelijke bepalingen is zij niet.”
Hiervoor moge de directie de Nederlandsche Handel-Maatschappij de schrijver bedanken. De hierop volgende frase, de enige logische, die in beide stukken wijders tevergeefs gezocht worden, doet ons hem voor een ogenblik op ons terrein ontmoeten, wanneer hij zegt, dat noch de Factorij noch haar lastgeefster, evenmin als ieder particulier, belemmerd is in het bevrachten van zodanige schepen als zij mochten verkiezen. Deze zo eenvoudige stelling, voorzeker door een ieder gehuldigd, behoeft geen nader betoog.
Maar nu brengt de schrijver ons op een ander terrein en daar zien wij hem de Nederlandsche Handel-Maatschappij aanvallen, als een bevrachtster voor de overvoer der gouvernements- producten, “op een nog veel meer krenkende en veel meer benadelende stelselmatige achteruitzetting van Amsterdam.”
Ten einde onze verontwaardiging over deze gruwelen gaande te maken, houdt hij ons nu reeds voor, dat wanneer “de wijze van bevrachting op de tegenwoordige voet wordt voortgezet, de onvermijdelijke en onbetwistbare uitkomst moet zijn, dat, zonder nog de andere gevolgen te rekenen, gedurende een aan de Oost-Indische schepen in het algemeen toegekende duur en geschiktheid voor de maatschappij bevrachtingen van plm. 20 jaren, aan al de te Rotterdam enz. te huis behorende schepen zeer zeker één, zo niet bijna twee, reguliere beurtbevrachtingen meer zullen toevallen, dan aan die van het ressort Amsterdam.”
De schrijver dezer regelen, het te zijn of niet te zijn voor de Amsterdamse rederijen hiervan afhankelijk stellende, verzuimt zijn voorzeggende bespiegeling, al ware het maar met het geringste bewijs te staven. Wij durven daar tegenover onze bescheiden mening volhouden, dat zolang de Nederlandsche Handel-Maatschappij zich vast houdt aan de door haar gemaakte rooster van binnenkomst der schepen en naar deze hare bevrachtingen regelt, een achterstelling als bovengenoemd een onmogelijkheid en daardoor het geschrevene een onwaarheid is.
Al verder wil de steller der genoemde stukken, als het ware goochelende met cijfers, zijn lezers voorhouden, hoezeer Amsterdam sedert lang en nog steeds wordt achtergezet ten voordeel der overige havens. Hij herinnert ons daarbij dat de 21/42 der jaarlijkse ten zijne aan te voeren gouvernement-producten vroeger door Amsterdamse schepen moesten worden aangevoerd; hoe ten gevolge der uitbreiding van de scheepsruimte om de Zuid “de Zuidhollandse rederijen op een illoyale wijze kwamen profiteren, doch zich voor de leus naar Amsterdam te verplaatsen” en eindelijk Amsterdam zo zeer werd benadeeld “door het zo onbillijke besluit der Nederlandsche Handel-Maatschappij om in het vervolg haar beurtbevrachtingen voor de overvoer der gouvernementsproducten niet langer te regelen naar boven bedoelde voor iedere haven afzonderlijke lijsten van binnenkomst, maar slechts naar een enkele algemene dergelijke beurtlijst voor de gezamenlijke vijf havens.”
Het is ons niet mogelijk, ook zouden wij te veel van onze lezers vergen, wanneer wij de vele volzinnen overschreven, allen ten doel hebbende slechts één betoog: achterzetting van Amsterdam. Men zou ons kunnen beschuldigen van een al te grote geringschatting van het gezond verstand onzer lezers, wanneer wij hen willen bekend maken met de beweringen, hoe die bouwmanie om de Zuid, inzonderheid in de ressorten Rotterdam en Dordrecht, oorzaak is dat Amsterdam benadeeld werd; hoe daardoor voor Amsterdam het geval zich moest vertonen, dat het 21/42 der producten, voor het grootste gedeelte door schepen elders te huis behorende, zou worden overgevoerd; dat “met het volste recht was te verwachten dat toch altijd aan de Amsterdamse rederijen zou gegund worden zodanig aandeel in die overvoer, als waarop zij door haar scheepsruimte in verhouding tot die der gezamenlijke Oost-Indische vloot aanspraak maken mag; doch geenszins dat haar dientengevolge bereids zo aanzienlijk verkleind aandeel nog verder zeer aanmerkelijk zou worden ingekort.”
Wij mogen geen, meer onzin uit de beide voor ons liggende stukken overnemen, overtuigd dat wij reeds te veel van onze lezers vergen; ware dit het geval niet, wij zouden hun het nadeel nog voorhouden dat Amsterdam bij zijne “bouwmeesters, zeilmakers, touwslagers, smeden, leveranciers van scheepsbehoeften, provisies, enz.” ondervindt, doordien de schepen van elders te Amsterdam komende, van elders ook worden uitgerust, ja “wanneer vertimmering of reparatie aan enig schip benodigd is, men veelal liever het daartoe naar een der Maashavens doet verzeilen, dan het daaraf komende voordeel aan de Amsterdamse scheepsbouwmeesters te gunnen.”
Ziedaar een schema van hetgeen de schrijver ons opdist en van hetgeen hij wil: monopolie voor Amsterdam, ten koste van geheel Nederland, ja wij zeggen van geheel Nederland; of weet de schrijver dan niet dat de Nederlandse rederijen zich over geheel Nederland hebben verspreid; weet hij niet dat, niettegenstaande de vele scheepstimmerwerven te Amsterdam, toch voor Amsterdamse rekening menig schip om de Zuid is te water gelaten; weet hij niet dat door “die bouwmanie om de Zuid’ vele Amsterdamse rederijen zijn in de wereld gekomen, die anders waarschijnlijk nooit waren opgestaan? Ja, wij zouden hem nog vele vragen kunnen doen, die willekeurig onder het lezen zijner artikelen en het schrijven dezer regelen bij ons opkomen; doch het kraaien van een enkele, willen wij niet als het gevoelen van de meeste aannemen; neen wij hebben nog te goede dunk van onze Amsterdamse kooplieden, dat zij, waartoe de steller der ingezonden stukken hen zoekt te verleiden, een monopolie trachten te machtig te worden, dat, ja voor een ogenblik mag baten, maar achter hetwelk de worm knaagt, die met algehele vernietiging dreigt; terwijl vrije ontwikkeling en vrije concurrentie de levenssappen in zich bevatten waardoor een volk groot kan worden.
Mocht Amsterdam deze waarheden willen begrijpen, dan zal het niet alleen met zijn kapitalen weldadig voor Nederland werken, maar zichzelf weer uit een sluimering verheffen, die ten hare eigene kosten reeds te lang volgehouden is.
18 augustus 1860


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 augustus. Het stoomschip MEDEA, kapt. Miedema, van Amsterdam en Harlingen naar Hull, is de 17e dezer met gebroken machine te Harlingen uit zee teruggekomen.


22 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Met intrekking van de concessie vroeger verleend aan de heer G. de Haas te Vlissingen is aan de heren Spoors en Sprenger, scheepsreders te Middelburg, tot wederopzegging, vergunning verleend voor een stoomsleepdienst op de Ooster- en Wester-Schelde, van Brouwershaven naar Hellevoetsluis en Dordrecht en terug, alsmede langs de daarop aanlopende zeegaten en rivieren tot aan of binnen de daaraan gelegen zeehavens.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 19 augustus. De ELISABETH, kapt. Harms, van Amsterdam naar Batavia, is de vorige nacht in een hevige storm uit het westzuidwesten van Hastings in Duins (opm: The Downs) teruggedreven.


Krant:

  JB - Javabode

De 20e der maand juli is door de orang sekas (opm: mogelijk een soort strandvoogd) op de hoogte van Soenny Padang op een klip, vijf mijlen uit het land en vijftien mijlen ongeveer van Sidjok, op de noordkust van Billiton gevonden, doch door de opvarenden verlaten, het driemastschip JOSHUA WADDINGTON, van Liverpool. Men is bezig met inventaris en lading zo veel doenlijk te redden en naar Tandjong Padang over te brengen. De lading, voor zo ver bekend peper, sago, arrowroot, ossenhuiden, enz. is door zeewater veel beschadigd. Verdere bijzonderheden zijn nog onbekend en zullen later zonodig worden meegedeeld. Men koestert de hoop, indien er geen zware stormen of onvoorziene ongelukken tussen komen, om ook het schip te redden. Diegenen die vermenen op bedoeld schip en lading enige aanspraak te kunnen maken, vervoegen zich met bewijzen tot staving bij de adsistent-resident van Billiton en onderhorigheden. Deze aankondiging geschiedt in voldoening aan het bepaalde van art. 555 van het Wetboek van Koophandel.


Krant:

  JB - Javabode

Omstreeks de helft van de maand juni is bij de Soengi Padang, op een klip, 5 mijlen uit de wal en 15 mijlen van Sidjok, op de noordkust gestrand, het schip JOSHUA WADDINGTON, van Liverpool. Toen dit schip werd gevonden, was het reeds door de opvarenden verlaten. Zoveel doenlijk zijn lading en inventaris door de Seka's van Kelapan gered en naar de hoofdplaats overgebracht. Men koesterde de hoop, dat, indien er geen stormen of onverhoopte ongelukken tussen kwamen, het schip zoude kunnen gered worden. De lading, voor zover bekend, uit witte peper, sago, arrowroot, huiden, enz. bestaande, is zwaar door zeewater beschadigd.


Krant:

  JB - Javabode

Op 3 augustus is nabij de rivier van Makasser gestrand het barkschip JUNO (opm: kapt. W.J. Chevalier), komende van Japan, beladen met steenkolen, kamfer en zijde, en geconsigneerd aan de Nederlandsche Handel-Maatschappij. (opm: zie o.a. NRC 271060)


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 16 augustus. Wij vernemen dat op de 2e augustus tussen Takala en Tanakeh, omstreeks 7 mijlen van Makassar, gestoten heeft het Nederlandse barkschip JUNO, kapt. Chevallier, op zijn reis van Nagasaki naar Makassar. Aan de assistentie van Zr.Ms. stoomschip CITADEL VAN ANTWERPEN is het gedeeltelijk te danken, dat de gehele equipage en een gedeelte van de lading is kunnen gered worden. De geredde goederen zijn ongeveer 2.000 kisten Japanse was, 500 kisten agar agar (opm: [gedroogd] zeewier) en een groot deel van de inventaris. De equipage is hedenochtend per stoomschip MAKASSAR alhier aangekomen, terwijl de kapitein Chevallier ter hoofdplaats Makassar is gebleven (opm: zie ook JB 250860).
Met dit stoomschip zijn hier ook aangekomen enige manschappen van de equipage van de ADRIANA JACOBA, kapt. Detmers (opm: schoener, kapt. H. Dethmers, zie ook JB 250860 en NRC 171060), welk vaartuig bij het Tonijneiland, op vijftien mijlen afstand van Makassar, totaal is verongelukt, terwijl van de lading genoegzaam niets is gered geworden. De equipage heeft haar behoud te danken aan de assistentie van Zr.Ms. schip PHOENIX.


24 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 augustus. Volgens telegrafisch bericht van het Nieuwediep van heden, is bezuiden Kijkduin gestrand het schip (opm: brik) GOUVERNEUR BARON VAN ZUYLEN VAN NYEVELT, kapt. J.K. de Jong, met rogge van Archangel naar Amsterdam. De equipage is gered en het schip nog in zijn geheel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 16 augustus. Het Nederlandse schip MARCHINA, kapt. Nepperus, van Oristano naar Queenstown, is hier eergisteren wegens gebrek aan provisiën binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth (N.S.), 4 augustus. Het bij Westport gestrande schip EUGENIE, kapt. Van Norden, van St. Johns naar Cork, is afgekeurd en zal in publieke veiling verkocht worden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.R. van Voorst te Heerenveen zal donderdag de 6e september 1860, des avond 7 uur, ten huize van logementhouder Johs. Fonk aldaar, krachtens artikel 1233 Burgerlijk Wetboek, publiek presenteren te verkopen:
A-1: Zekere scheepstimmerwerf met 2 hellingen en 2 slepen De Morgenstond genaamd, Timmerschuur, 2 Spaanhokken, Touwhok, Stede en grond, c.a. bijzonder gunstig staande en gelegen aan de Heerensloot te Nijehaske bij Heerenveen, welke Fabriek zeer vele jaren door Bartele Pieters Cats en zijne voorouders is uitgeoefend.
A-2: Een in 1829 nieuw gestichte dwarshuizinge no. 69 en 70, zoals thans door Bartele P. Cats en Egbert W. de Boer wordt bewoond, en zulks in 2 percelen (opm: bekort).
B. Voorts, ten verzoeke van den weledel gestrenge heer Mr. Ph. van Blom, procureur te Heerenveen, als curator in de failliete boedel van Bartele P. Cats:
Een Huizinge, no. 71, staande en gelegen onmiddellijk naast het vorige dwarshuis en bewoond door Albert Johs. de Jong (opm: bekort).
Alles te aanvaarden: perceel 1 de 1e november en de 3 huizen de 12e mei aanstaande.
Zijnde inmiddels de voorwaarden en alle verdere inlichtingen te bekomen bij gemelde notaris.
(opm: LC 310860 meldt dat is geboden op perceel 1 NLG 1.150, op perceel 2 NLG 750 en op perceel 3 NLG 800)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op nader te bepalen plaats zal in het laatst van september publiek, tegen contant geld, worden geveild: het Galjootschip NOORD NEDERLAND, gemeten op 128 zeetonnen, uitgehaald in 1856, geklasseerd bij Veritas, 3 T. G.1.1, met de daarbij prompt in orde zijnde inventaris, en zoals het thans is liggende in de Noorderhaven te Groningen. Inmiddels uit de hand te koop. Te bevragen bij de onderstaande medereders, de heren D. Romkes en J. Veenhoven Hz. te Hoogezand, Oolgaardt en Bruinier te Amsterdam, Wijnne en Barends te Groningen.


25 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 augustus. Volgens brief van kapt. Harms, voerende het schip ELISABETH, van Amsterdam naar Batavia, was hij de 19e dezer, na drie dagen met stormweder op de hoogte van Hastings gekruist te hebben, genoodzaakt, wilde hij niet de Noordzee weder indrijven, onder Duins (opm: The Downs) ten anker te komen. Het schip en de equipage bevonden zich in de beste welstand.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 augustus. Het Nederlandse schip (opm: schoenerbrik) MINA, kapt. C.p. Cupido, van Suriname in Texel binnen, heeft zeilen verloren en andere schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 augustus. Bij Texel is een schip gestrand, naam onbekend.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping binnen de stad Brielle op de Turfkade om contant geld op donderdag de 6e september 1860, des namiddags ten een ure, van een in de jare 1850 gebouwd schoener-kofschip, groot 67 tonnen, liggende in de haven te Brielle, met daarbij behorende inventaris; eerst in kavelingen en daarna in massa. Zullende op deze verkoping niets worden opgehouden. Inmiddels uit de hand te koop.
Te bevragen bij de notaris H.L.M. Van Kruijne, te Brielle.


Krant:

  JB - Javabode

De op de 14e juli j.l. van de rede van Makassar vertrokken Nederlandse schoener ADRIANA JACOBA, gezagvoerder H. Detmers, bestemd naar China, is de 21e daaraanvolgende op het rif van het eiland Dewakan, ten noordoosten van de Laarsbank, gestrand. Zr.Ms. stoomschip PHOENIX, op verzoek van de gouverneur van Celebes en onderhorigheden derwaarts vertrokken, kwam de 24e juli ter rede te Makasser terug, aan boord hebbende de niet zonder moeite geredde equipage van gezegden schoener, bestaande uit de gezagvoerder, stuurman, zes Europeanen en drie inlanders. De bedoelde schoener was volgens rapport van de commanderende officier van genoemd stoomschip reeds een wrak, zijnde masteloos en door midden gebroken. Van de inventaris is slechts een zeer klein gedeelte en van de lading tot dusverre niets kunnen gered worden.
Tengevolge op het voorkomende in ons nommer van 18 augustus nopens het stranden op de 3e augustus van het barkschip JUNO, gezagvoerder Chevallier, komende van Japan, beladen met steenkolen, kamfer en zijde, en geconsigneerd aan de Nederlandsche Handel-Maatschappij te Makasser, kunnen wij thans nog het volgende mededelen:
Bij het verlaten van het schip door de equipage, was dit vol water, en alles reddeloos verloren. Slechts een gedeelte van de goederen zijn door hulp van Makasser en door tussenkomst van de vorstin van Sanraboni gered. De schipbreukelingen zijn per schoener GIRAFFE naar Makasser overgevoerd.


27 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 25 augustus. Het schip GOUVERNEUR BARON VAN NYEVELT (opm: kof GOUVERNEUR BARON VAN ZUYLEN VAN NIJEVELT, zie NRC 240860), eergisteren gestrand, is uit elkander geslagen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 25 augustus. Het Nederlandse schip (opm: fregat) ANNA DIGNA, kapt. C. Ouman, van Amsterdam naar Cardiff, is gisteren bij Stocktonbaai op strand geraakt, doch heden met assistentie van twee stoomboten weer af- en alhier binnengebracht. Het schip heeft twee ankers en kettingen verloren en gedurende de nacht hevig gestoten zodat men vreest dat het koper zeer beschadigd zal zijn. Het maakt maar weinig water.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 7 juli. Het alhier van Kanagawa (opm: haven nabij Tokyo) gearriveerde Nederlandse schip STAD ENSCHEDE, kapt. Noordhoek Hegt, heeft 14 juni op 24º N.B. en 125º O.L. een hevige orkaan doorgestaan, doch geen schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 9 juli. Vrachten. KONING WILLEM III werd te Soerabaja gecharterd tot NLG 80 voor suiker en NLG 62 voor tabak naar Amsterdam. NICOT bekwam kreeg van de Factorij NLG 70 voor tabak te Soerabaja en NLG 30 voor tin hier te laden naar Amsterdam. KONING EN VADERLAND NLG 80 voor suiker NLG 70 voor tabak en NLG 65 voor koffij van Soerabaja naar Nederland. PROFESSOR SURINGAR laadt voor Amsterdam tot NLG 75 suiker en NLG 80 voor lichte goederen. JAN PIETERSZOON KOEN werd tot geheime condities naar China gecharterd. JAC. ROGGEVEEN werd door de Factorij bevracht tot NLG 100 van Menado naar Amsterdam. GENERAAL JACOBIE laadt voor eigen rekening naar het Kanaal om orders. WILLEM EGGERTS werd voor de Factorij gecharterd voor een reis van Soerabaja naar Japan en terug via Batavia en Singapore tot NLG 9.000. PHILIPS VAN MARNIX werd gecharterd naar Amsterdam tot NLG 70 voor suiker, NLG 65 voor rijst en NLG 80 voor arak en lichte goederen. WASSENAAR laadt voor Amsterdam. SHANGHAE bekwam 62 cent van de dollar voor rijst te Padang te laden naar Hongkong. ALBLASSERWAARD NLG 100 voor koffij en NLG 30 voor tin te Menado te laden naar Amsterdam.
DRIE GEBROEDERS doet kustreizen.
De CECILIA (Zweeds) LOUIS MEIJER en MONARCH (Engels) liggen in reparatie.
De ELISE (Engels) en de ELEANOR zijn te koop aangeboden. De volgende schepen zijn nog disponibel: ADRIANA EN JACOBA, LOUIS MEIJER, WATERGEUS, JACQUELINE en ELISE.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 2 juli. Vrachten. Het product van de laatste oogst is grotendeels afgescheept, terwijl voor het resterende daarvan de nodige scheepsruimte geëngageerd werd. De vrachten zijn dus thans als nominaal te beschouwen in afwachting van ruime afvoeren van product uit de nieuwe oogst. Sedert ons laatste bericht werden de volgende bevrachtingen tot stand gebracht:
Naar Nederland: Nederlands KONING EN VADERLAND tot NLG 80 voor suiker, NLG 70 voor tabak, NLG 65 voor rijst en koffij en NLG 100 voor rum naar Rotterdam. Nederlands WASSENAAR à NLG 75 voor suiker, NLG 70 voor tabak, NLG 65 voor rijst en NLG 90 voor rum naar Amsterdam. Nederlands PRINSES AMALIA en NICOT engageerden alhier tabak à NLG 70, na het nodige zwaar goed te Batavia te hebben geladen.
Naar China: Nederlands-Indisch SMALLWOOD à $ 0.50 voor rijst naar Hong Kong.
Naar Japan: Nederlands WILLEM EGGERTS (140 last) via Batavia en Singapore naar Decima en terug op Java door de Factorij à NLG 9.000 in eens.
Te koop is Engels ELISE, zijnde afgekeurd.


28 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. De Nederlandsche Handel-Maatschappij zoekt scheeps- gelegenheid voor het transport van steenkolen naar Java, in te nemen te Newcastle upon Tyne, of hier te lande, naar keuze van de vervrachters, volgens de deswege bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij bestaande charter partijen. Een gedeelte van de kolen moet worden gelost te Onrust en een ander deel te Soerabaja. In de schepen welke uit een van de Nederlandse havens rechtstreeks naar Java vertrekken, zal een partij specie (opm: muntgeld), ten bedrage van NLG 100.000 worden afgeladen, tegen de gewone vracht van een half percent van de waarde, te lossen te Batavia door de schepen welke te Onrust de kolen uitleveren, terwijl die welke kolen voor Soerabaja aan boord hebben, te Batavia orders moeten vragen voor de lossing van de specie aldaar of te Soerabaja. Wanneer schepen, welke nu onder de verplichting liggen om stenen naar Java over te voeren, zich voor het transport van steenkolen aanbieden en daarvoor worden aangenomen, dan zijn deze van de overvoer van stenen vrijgesteld. De steenkolen zijn omstreeks half september beschikbaar en de schepen met kolen zullen uiterlijk half november tot vertrek naar Java, in de zeehavens gereed moeten zijn. De vracht zal worden betaald bij vertrek van het schip naar zee, onder verband van terugbetaling ingevolge de bepaling van artikel 482 van het Wetboek van Koophandel.
Aanbiedingen worden ingewacht vóór of op woensdag de 5e september e.k, des middags, en zullen moeten bevatten, behalve de naam en de classificatie van het schip:
1. De prijs per in te nemen last van 2.000 Nederlandse pond (de Engelse ton berekend ad 1.000 Nederlandse pond) waarvoor men de kolen wil overvoeren; a. naar Onrust; b. naar Soerabaja.
2. De hoeveelheid kolen in Engelse tons welke geladen zullen worden.
3. Wanneer het schip tot laden gereed zal liggen en of de kolen hier te lande, dan wel in Engeland zullen worden ingenomen. De Maatschappij behoudt zich voor uiterlijk op de 8e september haar beslissing omtrent de gedane aanbiedingen mee te delen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. Het schip ALLEGONDA JACOBA, kapt. Deurholz, van hier te Amboina gearriveerd als vroeger gemeld – doet een tussenreis van Amboina naar Kema en terug.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 25 augustus. Het schip GOUVERNEUR BARON VAN ZUYLEN VAN NYEVELT, eergisteren gestrand en uit elkander geslagen, had een lading rogge in ter waarde van NLG 30.000.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 augustus. De Nederlandse kof (opm: tjalk) ANNETTE CATHALINA, kapt. P.J. Kramer, van Randers in ballast naar Dantzig (opm: Gdansk), is de 18e dezer op de kust van Bornholm gestrand, doch de opvarenden zijn gered. Het roer is op strand aangespoeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. Het te Helder gestrande galjootschip GOUVERNEUR BARON VAN ZUYLEN VAN NIJEVELT is de 25e dezer verkocht, zoals het op het strand lag, voor de som van NLG 260. Koper is de heer J. Leeuw Jz. Het schip was niet geassureerd (opm: bouwjaar 1840) en behoorde tot de rederij van de heren Visser & Zn te Harlingen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht wel onderhouden Schuiteschip, groot 17 ton, met inventaris, zeer geschikt te schilvissen, alsmede tot vervoer van granen, turf enz.
Te bevragen bij de scheepstimmerman Vink te Dokkum.


29 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 28 augustus:
- Nederlands barkschip ALCOR, groot 573 tonnen. Om NLG 35.200 verkocht.
- De chronometer om NLG 170 en de kombuis om NLG 120 verkocht.


30 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 29 augustus. Het alhier gearriveerde schip COURIER, kapt. Clink, van Rangoon naar Rotterdam bestemd, heeft veel slecht weder ondervonden en daarin een gedeelte van de verschansing verloren, terwijl men mede genoodzaakt is geweest enige lading over boord te werpen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 26 augustus. Kapt. Miedbrod, van Taganrog alhier binnengelopen, rapporteert de 30e juli bij Kaap St. Vincent gepraaid te hebben de Belgische schoener-brik FORTUNA, kapt. J. Minne, hebbende drie voeten water in het ruim.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 27 augustus. De Nederlandse kof GESINA ELSINA, kapt. Deen, van Hartlepool naar Rendsburg, is alhier lek en met andere schade binnengelopen.


31 augustus 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Volgens brief uit Hongkong van de 6e juli, was aldaar van Amoy bericht ontvangen dat de DAVO, kapt. H. Wijtenhorst, in beste staat op de 30 juni bevorens te Wanchew was aangekomen. (N.B. Het bericht onder de Engelse post, in ons nommer van 29 dezer, had dus, wanneer het zich bevestigt, betrekking op een ander schip van die naam.)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 30 augustus. Een op heden alhier ter beurze ontvangen telegram deelt mede, dat de Belgische brik OTTO VENIUS, kapt. R.R. Arfsten, 11 augustus van hier naar Rio Janeiro vertrokken, door een Engelse bark aangezeild is en zodanige averij heeft bekomen, dat het schip een noodhaven zou moeten zoeken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 28 augustus. Ter rede gekomen op 26 dezer KATRINA, kapt. Waterborg (opm: smak CATHARINA, kapt. G.F. Waterborg), van Newcastle. De 23e is de sloep in stukken geslagen, benevens schade aan tuigage bekomen. Ook was de sluitboom gebroken en de lading overgeworpen.


01 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wyk (opm: (Wyk auf Föhr), 28 augustus. De te Appingedam te huis behorende kof BOUWINA is, door het volk verlaten, op Rømø (opm: 55º8’ N.B. 8º28’ O.L.) gestrand. Het schip is wrak, maar de inventaris en de lading hout hoopt men te bergen. Zover men uit de gevonden papieren kan ontdekken, heet de kapt. T.S. Middel (opm: Thomas Jans Middel) en was het schip van Fredrikstad in Noorwegen naar Delfzijl bestemd (opm: zie ook NRC 030960, 080960 en 051060).


02 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Eergisteren is de instructie-brik TERNATE te Nieuwediep buiten dienst gesteld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Margate, 30 augustus. Het Nederlandse schip ADMIRAAL GRAAF VAN HEIJDEN, kapt. Drent, heeft onder Noord Voor-Land (opm: North Foreland) anker en ketting verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 31 augustus. De Nederlandse tjalk JONGE NOACH, kapt. T.C. Kock, van Hamburg naar België, voor enige dagen uit zee geretourneerd, is in de haven gehaald en heeft een gedeelte van de lading gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 18e september 1860, des middags ten 12 ure in de Zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip KOOPHANDEL, laatst gevoerd geweest door kapt. L. Crevecoeur, volgens meetbrief lang 35 el 10 duim, wijd 6 el 47 duim, hol 5 el 12 duim, en alzo groot 531 tonnen of 282 lasten; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris; zoals hetzelve is liggende in het Oosterdok te Amsterdam. Informaties zijn te bekomen bij bovengemelde makelaars en de heren d'Arnauld & Co, te Amsterdam.


03 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Southampton, 31 augustus. Het Nederlandse schip ANNA DIGNA, kapt. Ouman, van Texel naar Cardiff, dat in Stocktonbaai op strand heeft gezeten, is hier heden aangekomen om nagezien te worden en de nodige reparatie te bewerkstelligen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wijck (opm: Wyk auf Föhr), 31 augustus. Een gedeelte van de lading van het gestrande schip BOUWINA (opm: zie NRC 010960), is geborgen en als wind en weder dienen, hoopt men ook het andere te redden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, (Kaap de Goede Hoop), 20 juli. De Nederlandse schepen ARGUS, kapt. Smit, van Amsterdam naar Batavia; HESTER ADRIANA, kapt. Van Hees, van Cardiff laatst van Lissabon naar Singapore en TRIJNTJE FENNA, kapt. Ingerman, van Rotterdam naar Melbourne, zijn de eerste de 2e dezer en de beide laatste de 7e dezer dezer lek in de Simonsbaai binnengelopen.


04 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 september. De stoomboot RHÔNE, van de Stoomvaart-Vereeniging De Maas alhier, te Livorno aangekomen, had aldaar zijn voor die plaats inhebbende goederen gelost en zou zijn reis door de Middellandse Zee vervolgen, na alvorens enige passagiers aan boord te hebben genomen. Toen deze aan boord kwamen bleek het, dat het 5 à 600 gewapende manschappen waren, die eisten dat de kapitein zou vertrekken, om later de plaats van de bestemming te vernemen. Aan deze eis is vooralsnog niet voldaan, maar is daartegen, naar wij vernemen, protest opgemaakt. Volgens later ontvangen telegrafisch bericht van gisteren, zijn de gewapende manschappen te Livorno wederom in goede orde van boord gegaan en zou de stoomboot haar reis naar Napels te vervolgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 1 september. Men meldt uit Vlissingen d.d. 1 september. Heden is de état-major van Zr.Ms. korvet PRINS MAURITS op non-activiteit gebracht en deze bodem buiten dienst gesteld.
Naar men verneemt zal Zr.Ms. stoom-schroefschoener CORNELIS DIRKS, de 1e oktober e.k. naar West Indië stevenen, om de aldaar gestationeerde stoom-schroefschoener VESUVIUS af te lossen, welke naar het vaderland zal terugkeren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 september. Kapt. Duinker, voerende het barkschip WELTEVREDEN, van Java naar Rotterdam, 30 juli te St. Helena aangekomen, meldt in dato 31 dito van daar, dat hij 3 juli op de bank van Agulhas in het gezicht van het land, door zwaar stormweder belopen is, dat tot de 9e aanhield. Hij verloor daarin de grootmars-zeilra en het barkzeil en gedeelte van de verschansing, terwijl het kombuishuis uit elkander geslagen en kombuis en grote boot uit hun sjorrings gerukt en over dek geslingerd werden, waardoor 5 man van de equipage min of meer gewond werden. Ook de ijzeren band om de kop van het roer barstte, zodat de stuurmachine onbruikbaar werd en door een hulp-stuurtoestel moest vervangen worden. Niettegenstaande het geweldig werken was het schip dicht gebleven en maakte niet meer dan 7 duim (opm: cm.) water per wacht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 september. Als gevolg op hetgeen wij in ons nommer van gisteren van de Kaap de Goede Hoop mededeelden, dient, dat volgens andere berichten, de schepen ARGUS en TRIJNTJE FENNA, niet lek zijn, maar alles van dek verloren hebben en van de laatste ook zeilen weggewaaid zijn.
De HESTER ADRIANA had, behalve een zwaar lek, het hek ingeslagen, bramstengen gekapt en circa 180 ton steenkolen over boord geworpen. Al deze schepen hadden genoegzaam op dezelfde hoogte bij Tristan da Cunha een orkaan doorstaan.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 19 juli. Het schip (opm: fregat) ADMIRAAL DE RUYTER, kapt. Stapert (opm: De Witt, zie NRC 010860 en 021160), van Java naar Amsterdam, alhier met averij binnen, is gisteren afgekeurd, hoewel de lading er nog niet geheel uit is. Er zijn reeds vier verkopingen ieder van ca. 800 balen koffij geweest. Er zijn nu nog circa 700 balen in het schip, die over boord geworpen zullen worden, dewijl allen bedorven zijn en de onkosten van landing niet kunnen opbrengen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een geoctrooieerd winstgevend Schip en Veer, varende tweemaal ’s weeks van Heerenveen op Leeuwarden.
Te bevragen bij de eigenaar K.IJsb. Brouwers. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Naar de Kaap de Goede Hoop, Kaapstad, Port Elisabeth en Port Natal ligt te Amsterdam in lading, om tegen november te worden geëxpedieerd: het snelzeilend gekoperd Campagne Barkschip AGATHA EN MARIA, kapitein W.B. van Zijp, varende een geëxamineerde doktor, en hebbende een uitmuntende inrichting voor passagiers 1e, 2e en 3e klasse.
Adres bij de heer M.C. Lapidoth, agent der Nederlandsche Landbouw Emigratiedienst, of bij cargadoors Hoyman en Schuurman te Amsterdam.


05 september 1860


Krant:
  JB - Javabode

Advertentie. Te koop het Nederlands-Indische klipper-schoenerschip ELIZA, kapt. B.J. Schipper, kopervast en met roodkoper gekoperd, kunnende laden 4.500 pikols, zoals hetzelve thans alhier (opm: Batavia) is liggende. Hierop reflecterende, gelieve zich te adresseren bij de gezagvoerder in het Java-hotel, dan wel bij de agenten Landberg, Bezoet de Bie & Co.


06 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 september. Wij vernemen, dat kapt. Moesker, beschuldigd van de onlangs gepleegde moordaanslag op de heer Brink van de firma Van den Bey & Co te Amsterdam, gisteren uit de cellulaire gevangenis is ontslagen, zijnde hij door de Raadkamer van de Arrondissements-Rechtbank buiten vervolging gesteld, op grond dat, naar het oordeel van drie benoemde deskundigen, het feit hem niet kan worden toegerekend, daar het blijkt, dat hij aan vlagen van periodieke mania onderhevig is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 september. Het alhier te huis behorende fregatschip REMIGIUS ADOLPHUS, kapt. D. Forbes Browning, van Cardiff naar Hong Kong, met schade te Queenstown binnen, heeft na gedane reparatie de 4e september j.l. zijn reis vervolgd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 7 augustus. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip ARLEQUIN, kapt. Singer, van Java naar Rotterdam, heeft de reparatie geëindigd en is thans bezig om de lading weder aan boord te nemen.


07 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Volgens particulier bericht is het schip PER ASPERA AD ASTRA, kapt. Admiraal, de 3e augustus ter rede van Ascension gearriveerd om water in te nemen. Het schip had veel zwaar weder doorgestaan, en daarbij de kajuitskap met toebehoren en het kompashuisje verloren en veel water ingekregen. De kapitein hoopte in de avond van dezelfde dag weder van daar te vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 5 september. Het te Nieuwe Pekela te huis behorende kofschip HENDERIKA HILLECHIENA, kapt. Kuiper, is heden alhier van Nerva binnengelopen, hebbende op de reis hevige stormen doorgestaan, waarbij het de bramsteng, kluiverboom en onderscheidene zeilen heeft verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 3 september. Het kofschip ZWAANTJE BOER, kapt. Pronk, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Brussel, is eergisteren met verlies van een zwaard en gebroken roerpen alhier ter rede gekomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: 2 hechte Kofscheepjes, groot 24 en 21 ton, met zeil en treil.
Te bevragen bij H.M. de Jong, scheepstimmerman te Heeg.


08 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 4 september. Het Nederlandse schip BOUWINA, kapt. T.J. Middel, van Fredrikstad met hout naar Delfzijl, is in de Noordzee op de hoogte van het Hoornrif (opm: Horns Rev, ter hoogte van Esbjerg) in zinkende staat verlaten, doch het volk door de GESINE, kapt. Störmer (opm: kof, kapt. Gustav Leopold Störmer uit Norden), gered en alhier aangebracht.
N.B. Zo als vroeger gemeld werd, is de BOUWINA op Rømø gestrand (opm: zie NRC 010960) en veel van de lading geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 5 september. Gisteren is alhier in de haven gekomen het schip UNION, kapt. Albers, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Groningen, wegens ziekte van de kapitein.


Krant:

  JB - Javabode

Lijst van Nederlandse schepen in het eerste Semester 1860 uit de grote vaart geraakt:
MARIA ELISABETH MARGARETHA Bauditz 436 Bij Le Pouldu verongelukt.
NEPTUNUS Schuurman 405 Te St. Helena afgekeurd.
STAATSRAAD BAUD De Jong 326 Te Batavia afgekeurd.
JAVA Stikkel v. Dam 329 Te Batavia afgekeurd.
HELENA CONSTANTIA (ex. JUANITA) Donnema 228 In Chinese Zee verongelukt
NEERLANDS KONINGIN Geerling 350 Te Soerabaija afgekeurd
SINT MICHAEL Jansen q.q. 188 Vermist sedert 21 okt. 1859
E.W. VAN DAM VAN ISSELT Kolm 379 Te Soerabaija afgekeurd
ZEELAND Hazewinkel 294 Verkocht,kreeg buitenl.vlag
DIRK ARNOLD De Veer 327 Verkocht,kreeg buitenl.vlag
te zamen 3262 gemeten lasten
In Nederland gesloopte schepen:
CORNELIA (opm: CAROLINA) De Best 442 gebouwd anno 1838
PRESIDENT RAM Ulrich 320 gebouwd anno 1839
JAVA KOERIER Diepering 286 gebouwd anno 1840
JOHANNA WILHELMINA Lange 132 gebouwd anno 1828
SIRIUS Mulder 274 gebouwd anno 1841
SAMARANG Swarts 383 gebouwd anno 1839
te zamen 5099 gemeten lasten


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag in het begin der volgende maand zal door ondergetekenden op publieke vendutie worden verkocht de Engelse bark JULIET ERSKINE, groot 277 tonnen, met deszelfs inventaris, alsmede de gehele lading, bestaande uit circa 12.000 Singapore-planken.
John Price & Co


Krant:

  JB - Javabode

Dagvaarding. Op 3 september 1860 is gedagvaard door de Raad van Justitie te Samarang Pieter Deibel, laatst gewoond hebbend te Samarang om op 19 december 1860 ter zitting van de Raad van Justitie te Samarang te verschijnen, ten einde, aangezien gedaagde op de 10e april 1855 met het schip TJIEU GOAN, vroeger genaamd GENERAAL CHASSÉ, van Samarang is vertrokken en sedertdien geen bewijs van zijn aanwezen of overlijden is ingekomen (opm: zie NRC 040156) en er derhalve rechtsvermoeden van zijn overlijden bestaat, van zijn aanwezen te doen blijken. (opm: zeer sterk bekort)


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Stoomschip PRINS VAN ORANJE. Directe vaart tussen Batavia en Soerabaija, vice versa. Vertrekdagen:
Van Batavia: 20 september en 30 september.
Van Soerabaija: 15 september en 25 september.
Met een verblijf van telkens drie dagen op iedere plaats.
Voor vracht en passage gelieve men zich te vervoegen bij Morgan, Melbourn & Co te Batavia en Major Maten & Co te Soerabaija.
(opm: de PRINS VAN ORANJE, kapt. H.L. Coldenhoff, op 4 september 1860 van Soerabaija vertrokken, arriveerde op 7 september op de eerste reis onder Nederlandse vlag te Batavia; kapt. H.L. Coldenhoff was begin oktober 1860 vervangen door kapt. J. Prins)


09 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 28 augustus. Alhier is ter rede gekomen het schip FREERK JAN, kapt. Smit, van Rotterdam naar St. Petersburg, met enige schade aan tuigage.


10 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 4 september. In de nacht van de 1e dezer is bij Bovbjerg (Lemvig) een gekenterde kof aangedreven. Het schip is met hout beladen en men vermoedt, volgens een aangespoeld naambord waarop VROUW RENSKE staat, van Nederlandse oorsprong.


14 september 1860


Krant:
  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Stoomboot dienst tussen Leeuwarden en Dokkum v.v.
Winterdienst, aanvang nemende op zondag 16 september 1860.
Het uitmuntend ingerichte snelvarend Stoomschip FIVEL vertrekt geregeld van:
Leeuwarden naar Dokkum iedere maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag des morgens 9½ uur en des namiddag 4½ uur. Zondag des namiddags 4½ uur.
Dokkum naar Leeuwarden iedere maandag, dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag des morgens 6½ uur en des namiddags 1½ uur. Zondag morgens 6½ uur.


15 september 1860


Krant:
  JB - Javabode

Soerabaija, 8 september. Het is ons aangenaam te kunnen melden, dat de stoomboot van de heren Major Matzen en Co, de PRINS VAN ORANJE, haar eerste reis van Soerabaija naar Batavia heeft afgelegd in 46 uur. Nog onzeker van de werking van de machinerie, heeft zij meesttijds niet met volle spoed gestoomd.
Wij wensen deze nieuwe onderneming een goed succes toe.


17 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 15 september. Het schip ADRIANUS JOHANNES, kapt. Addens, gisteren naar Fernambucq vertrokken, is heden met gebroken fokkera uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 15 september. Het Nederlandse schip ZWAANTINA HENDRIKA, kapt. De Boer, van Hartlepool naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is lek te Delfzijl binnengekomen en moet lossen om te repareren.


18 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 september. Laatstleden zaterdag 15 dezer, heeft alhier op de rede de proefneming plaats gehad met Zr.Ms. flottielje-vaartuig HAARLEMMERMEER, die met de beste uitslag en zelfs boven verwachting gunstig is uitgevallen, daar schip en machines uitmuntend hebben voldaan. Het schip is gebouwd aan de Rijks marinewerf alhier, terwijl de machines zijn vervaardigd in de fabriek van de heren D. Christie en Zoon, te Schoonderloo bij Delfshaven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen. 16 september. Zr.Ms. stoom-schroef-flottieljevaartuig HAARLEMMERMEER, commandant de luitenant ter zee 1e klasse P. Koning, is hedenmiddag onder het lossen van saluutschoten van de rede naar zee gestevend, met bestemming naar Willemsoord, vanwaar het binnenkort naar Oost-Indië zal vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt en B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam zullen als last hebbende van hun meester op dinsdag de 25e september 1860, des middags ten 12 ure in de Zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek verkopen: de extra snelzeilende, gekoperde en kopervaste Nederlandse schoener ARNOLDINA CATHARINA, laatst gevoerd door kapt. G. van der Velde, volgens meetbrief lang 27 el 60 duim, wijd 4 el 26 duim, hol 3 el 3 duim, en alzo groot 159 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschappen, zoals dezelve thans is liggende in de Haringvliet, Zuidzijde, binnen deze stad.


19 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 18 september: Nederlands barkschip KOOPHANDEL, groot 282 lasten. Om NLG 36.000 opgehouden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 18 september. Onder de snelle reizen, die van tijd tot tijd door zeilschepen gedaan worden, verdient ook melding de laatste reis van het alhier te huis behorende schip (opm: tweemastschoener) MERWESTROOM, kapt. H. de Goede. Deze bodem heeft de reis van Hellevoetsluis tot Bergen (aan de stad) in 73 uren en van Bergen tot Hellevoetsluis (op de rede) in 77 uren volbracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 september. De Nederlandse bark WILHELMINA FREDERIKA, kapt. F. Beekhuis, van Suriname met suiker en rum herwaarts gedestineerd, is gisteren avond in de nabijheid van Castricum gestrand, op zijde gevallen en zal waarschijnlijk weg zijn. Het volk en de passagier zijn gered. (opm: zie LC 210960


20 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 september. Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP, onder bevel van kapt.luit.t.zee F.R. toe Water, is heden van de rede van Texel naar zee vertrokken, ten opvolging zijner bestemming naar de Middellandse Zee.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ostende, 18 september. Het te Villanova met schade binnengelopen Belgische schip FORTUNA, kapt. Minne, zal aldaar verkocht worden.


21 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 15 september. Het schip UNION, kapt. Lodewijks, van hier naar Noorwegen, is met gebroken mast geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 12 september. Het alhier van Amsterdam gearriveerde Nederlandse brikschip MINERVA, kapt. Douwes, heeft de 9e dezer in een zware storm, die alhier gewoed heeft, enige, alhoewel onbelangrijke, schade bekomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 20 september. Zondag l.l. (opm: 17 september) strandde op de kust van Noord Holland, ten noorden van Wijk aan Zee, het hier, aan de firma Barend Visser en Zoon toebehorend barkschip WILHELMINA FREDERIKA, kapt. F. Beekhuis, met suiker van Suriname naar Amsterdam. Met de tweede stoot die het schip ontving was het dek reeds uit geslagen. De equipage heeft de gehele nacht op het wrak doorgebracht, doch is des anderen daags morgens 10 uur, met de drie passagiers, een dame en twee kinderen, gered, echter met achterlating van al hunne goederen. Men denkt dat van het schip en lading niets zal worden gered.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal op donderdagen de 27e september 1860, provisioneel, en de 4e oktober daaraanvolgende finaal, telkens des avond 6 uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, verkopen: een hecht en wel onderhouden Tjalkschip, genaamd de KOOPHANDEL, groot 24 tonnen, zonder tuigage, zoals hetzelve op de verkoopdagen voor het huis van Brouwer te bezichtigen is liggende.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een hecht Praamscheepje met roef enz, groot 13 ton; een dito grote boot, groot 3 ton, beide voorzien van zeil en treil, bij O.L. Lantinga, scheepstimmerman te IJlst.


22 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Castricum, 19 september. De alhier gestrande Nederlandse bark WILHELMINA FREDERIKA, kapt. Beekhuis, van Suriname naar Amsterdam, is gedeeltelijk opgebroken. Het wrak zit echter zo hoog, dat men een gedeelte der lading hoopt te bergen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 21 september. Wij vernemen dat bij Koninklijk Besluit van 2 augustus j.l. een gunstige beschikking genomen is op de verzoekschriften om kwijtschelding of vermindering van straf, aan Z.M. ingezonden door de verschillende schippers van te Arnemuiden thuis behorende vaartuigen met hun bemanning. Zij waren in der tijd, zo door de arrondissements rechtbank te Middelburg als in hoger beroep door het provinciaal gerechtshof in Zeeland veroordeeld wegens diefstal van strandgoederen van het op de Banjaard verongelukte schip WITTE CORNELISZOON DE WITH (opm: zie ZZC 190560). Enige vrouwen werden daarbij veroordeeld ter zake van medeplichtigheid. Bij dat besluit zijn de straffen van laatstgenoemden geheel kwijt gescholden, terwijl verder die van de schippers zijn verminderd van zes maanden op 14 dagen en die van de ondergeschikte manschappen van drie maanden op 8 dagen.


23 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg, 20 september. De Nederlandse kof TWEE GEBROEDERS, kapt. Butter, van Hamburg naar St. Petersburg, is op Hittarp (opm: Hittarps Rif, 56º6’ N.B. 12º38’ O.L.) gestrand. De redding hangt geheel van het weder af (opm: zie NRC 260960).


24 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 september. Men leest in de Staats-Courant het volgende overzicht van de Nederlandse scheepvaart te Hongkong gedurende de eerste helft van het jaar 1860, de Minister van Koloniën toegezonden door de consul der Nederlanden in die haven:
Het aantal Nederlandse schepen dat in dit tijdvak deze haven bezocht, overtreft met 6 schepen en 3.696 tonnen dat van het gehele vorige jaar. 33 Nederlandse schepen, metende 16.215 tonnen, kwamen alhier aan, brengende 13.753 ton lading. Met 10 Nederlandse schepen werden ruim 80.000 pikols rijst van Java aangevoerd, terwijl ongeveer dezelfde hoeveelheid met 13 vreemde schepen alzo werd aangebracht. 6 Schepen brachten steenkolen van Engeland, 4 schepen kwamen van Japan met diverse lading, 3 schepen van Shanghai voor Chinese rekening bevracht, 1 schip van Bombay (opm: Mumbai) met katoen, 3 schepen van Singapore met rijst, 1 schip van Saigon met rijst en 5 schepen van Macao ter belading alhier. Alle vonden voordelig emplooi.
De stoomboot ATTALANTE werd aan het Engels gouvernement verkocht en een drietal schepen aan dat gouvernement vervracht om als transportschepen bij de expeditie naar het noorden te dienen, gedurende die tijd onder Engelse vlag varende.
Van twee schepen van Japan werden mij de manifesten niet ingeleverd. Een daarvan, de STAD ENSCHEDE, was bij charterpartij verbonden tot geheimhouding der lading.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Figueira, 21 september. Het Nederlandse schip JACOBA MARGARETHA, kapt. Van Kempen (opm: vermoedelijk G.H. van Kampen), van Antwerpen naar Smirna (opm: Izmir), is op de reis gezonken. Het volk is gered.


26 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 25 september: de Nederlandse schoener ARNOLDINA CATHARINA, groot 159 tonnen: voor NLG 9.000 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg, 21 september. De Nederlandse kof TWEE GEBROEDERS, kapt. Butter, van Hamburg met spoorwagens naar St. Petersburg, eergisteren op Hittarps Rif gestrand – bevorens gemeld (opm: zie NRC 230960) – liep, nadat men met de berging begonnen was, vol water. Door aanwending van een stoompomp is het echter gelukt het schip in vlot water te brengen. Het wordt thans alhier in de haven gebracht om te repareren.


27 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 september. Het beurtschip VEENSTROOM, schipper Vuursteen, van hier naar Veendam, is in de nacht van 24 op 25 dezer bij Enkhuizen gestrand en zal weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 26 september. Het alhier te huis behorende schip CATHARINA MARIA, kapt. Oomkens, dat eergisteren van hier naar Cardiff vertrok, is heden namiddag uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 26 september. De Nederlandse schoener NOORD HOLLAND, kapt. Fijn, 14 dezer van hier naar Montevideo vertrokken is bij Dungeness aan de grond geraakt, doch met behulp van een stoomboot vlot en zwaar lek te Dover binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 24 september. Het Nederlandse schip (opm: vermoedelijk galjoot) JANTINA, kapt. W.J. de Vries, van Amsterdam met een lading suiker naar Stockholm bestemd, is 18 dezer op Laesoe gestrand en vol water gelopen. Van de lading zijn 219 mandjes beschadigd en 157 minder beschadigd geborgen. Het eerste partijtje is onmiddellijk en het laatste zal 5 oktober verkocht worden.


28 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Volgens telegrafisch bericht is het schip VAN DER PALM, kapt. Marcus, van Batavia naar Rotterdam, met schade wegens aanzeiling te Cowes binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 26 september. Naar men ons uit Makkum bericht is aldaar tijdens de storm van gisteren op de Makkumerwaard gestrand het kofschip GESINA WILHELMINA, kapt. H.R. Dokman, te huis behorende te Wildervank en met hout bestemd van Riga naar Amsterdam. De kapiteinsvrouw, loods en scheepsjongen zijn aldaar aan wal gebracht. Nadere bijzonderheden ontbreken nog.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

San Sebastian, 23 september. Het Nederlandse schip (opm: tjalk) MARIA HOEKSTRA, kapt. C. Bouma, met een lading erts naar Antwerpen bestemd, is bij onze haven gebleven.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 september. Het Nederlandse schip HESTER ADRIANA, kapt. van Hees (opm: fregat, kapt. G. Strang van Hees), van Cardiff naar Hongkong, 8 juli lek en met andere schade in de Simonsbaai binnengelopen, is aldaar afgekeurd, aangezien de reparatiekosten de waarde van het schip zouden te boven gaan. Schip en lading zullen verkocht worden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden snelzeilend Tjalkschip, groot 38 tonnen, in 1851 nieuw gebouwd, met complete inventaris.
Te bevragen bij H. Schotsman te Workum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden overdekt Schip en Veer, met zeil en treil, genaamd de JONGE JOCHGEM, groot 16 ton, varende van Warga op Leeuwarden vice versa. Te bevragen bij J.H. Bosma te Warga.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder H.B. van der Wal te Sneek zal op maandag de 1e oktober 1860, ’s avonds 7 uur, ten huize van IJ. de Jager aldaar, publiek, tegen genot van strijk- en verhoog geld, presenteren te verkopen: een binnenkort geheel vernieuwd en veel verbeterd Beurtschip, met ronde luiken, zeer geschikt voor eigen handel, zowel in de binnen- als buitenwateren, groot 23 ton, met deszelfs uitmuntende en complete inventaris.
Breder bij biljetten omschreven en liggende van nu af aan voor gemelde Jager, buiten het Hoogend; betaling en aanvaarding daags na den verkoop.
(opm: LC 051060 meldt dat is geboden NLG 367)


29 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 september. Aangaande de aan de Kaap de Goede Hoop afgekeurde Nederlandse schepen ADMIRAAL DE RUYTER en HESTER ADRIANA, meldt men van daar in dato 20 augustus, dat het eerstgenoemde bereids verkocht was en dat het laatste de 24e augustus verkocht zou worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 27 september. De Engelse brik DISPATCH, van Sunderland, is alhier verongelukt, maar een man van de equipage is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 september. Het schip (opm: tjalk) LEENTJE DOST, kapt. F.G. Rasker, van Friedrichstadt naar Kooger Polder, is alhier met zware slagzijde, verlies van anker en ketting enz, binnengelopen, hebbende eergisteren een hevige storm doorgestaan. Het is dicht gebleven, nagezien en zal morgen de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 26 september. Heden is alhier binnengelopen de Nederlandse bark CORNELIS GIPS, kapt. Van Rijn, van Dordt naar Cardiff bestemd. Dit schip is gepasseerde de nacht op de hoogte van Poortland (opm: Portland) met een groot schip, naar gissing Amerikaans (opm: Engelse schip ACME, zie NRC 210361), in aanzeiling geweest, heeft daarbij kluiverboom, boot en davits verloren en meer andere schade bekomen. De eerste stuurman wordt vermist. Of hij verdronken of op het vreemde schip overgesprongen is, is onbekend.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 26 september. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip VAN DER PALM, kapt. Marcus, van Batavia naar Rotterdam bestemd – zie NRC van gisteren – heeft de boegspriet, kluiverboom, fokkenmast, voorsteng, voor-bramsteng, groot-bramsteng en scheg verloren. Het schip maakt niet meer water dan gewoonlijk. De aanzeiling, waarin de VAN DER PALM die schade bekwam, geschiedde met een groot schip in de nacht van 24 dezer op de hoogte van Poortland (opm: Portland).


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 21 september. Wij vernemen, dat heden ochtend in boot en sloep alhier is aangekomen de equipage van de DERKINA TITIA (opm: bark), die onder bevel van kapt. P. Esink met bestemming van Macao naar Batavia, in de Java-Zee totaal is verongelukt op het rif van het Arends Eiland. De equipage heeft zich kunnen redden, doch schip en lading zijn verloren, dewijl die bodem vol water zit. (opm: zie JB 101060)


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Bataviaasch Praauwen-Veer.
De stomer JAVAAN vertrekt dagelijks, zon- en feestdagen uitgezonderd, des morgens ten 7 ure en des namiddags ten 2 ure van de kleine boom (opm: boom waarmee ‘s avonds de haveningang werd afgesloten). Bij vertrek of aankomst van stoomschepen stoomt de JAVAAN naar buiten ter overbrenging van passagiers.
Passagiers 1 kl. naar of van de rede NLG 1.
Idem 2 kl. naar of van de rede NLG 0,50.
Voor verhuur kan een overeenkomst worden aangegaan.


30 september 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 augustus. Te Soerabaja ligt thans het kortelings uit Europa aangekomen schroefstoomschip PRINS VAN ORANJE, toebehorende aan de heren Major, Matzen & Co aldaar. Het zal, na in het dok gehaald en van de schroef voorzien te zijn – het kwam zeilende uit – in Nederlands-Indië in de vaart gebracht worden. De inrichtingen worden zeer geroemd en de ketels, volgens een nieuw stelsel – het spiraal-stelsel – gemaakt, moeten uitmuntend zijn. Men verzekert te Soerabaja, dat het plan bestaat, om ook andere, reeds in de vaart zijnde stoomschepen van die ketels te voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 augustus. Het Japanse stoomschip KWANGKOMAR, vroeger onder de naam van SOEMBING door de Nederlandse regering aan de taikoen (opm: Shogun, ‘Grote Heer’) van Japan ten geschenke gegeven, is door deze, de taikoen, in het begin van de maand mei j.l. onder het beheer gesteld of ten gebruike afgestaan aan de landheer van Fizén, die tevens voor het eerst vergunning heeft gekregen om zich over zee van Jedo (opm: Tokyo) naar zijn landschap terug te begeven en daartoe met dit vaartuig van Osaka is afgehaald.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 augustus. Vrachten. Nederlandse vlag.
Naar Nederland laden: de CHRISTIAAN LOUIS, alhier rijst à NLG 65, koffij à NLG 70, thee, gom, elastiek, noten en damar à NLG 80; de BATAVIA suiker en koffij à NLG 80, te Samarang en Tagal, beide naar Amsterdam. De Factorij charterde de MARY EN HILLEGONDA à NLG 90 voor een volle lading koffij van Padang naar Rotterdam; de BARON VAN HARDENBROEK à NLG 75 voor suiker en NLG 80 voor koffij, huiden en indigo te Samarang en Pekalongan naar Amsterdam te laden en de DUIVELAND à NLG 75 voor suiker NLG 80 voor koffij en huiden te Cheribon, Pekalongan en Samarang en NLG 35 voor koperen duiten, alhier naar Rotterdam in te nemen.
In reparatie: Nederlands LOUIS MEIJER en CATHARINA GEERTRUIDA, zijnde laatstgenoemde alhier met kolen van Sunderland naar Hongkong bestemd, lek binnengekomen.
Disponibel zijn: Nederlands WATERGEUS, LOUIS MEIJER, TJILINGSIE, ZEEMEEUW, JOSEPHA LOUISA en AMSTERDAM.
De Nederlandse schepen DRIE GEBROEDERS en JACQUELINE EN ELISE doen kustreizen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 31 juli. Het Engelse schip ELIZE werd met inventaris voor NLG 8.000 verkocht, zijnde afgekeurd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 11 augustus. De Nederlandse schepen DRIE GEBROEDERS, kapt. Kramer, HELLEVOETSLUIS, kapt. Vos, HOLLANDS TROUW, kapt. Keuker en JACOBA CORNELIA, kapt. Rooseboom, zijn nog steeds als transportschepen in dienst van de Engelse marine.


02 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 oktober. Volgens particulier bericht is het alhier te huis behorende barkschip EDOUARD MARIE, kapt. Remmers, op de reis van Macao naar Singapore en Penang, wegens slecht weder te Kema binnen geweest en heeft op de verdere reis vele zeilen verloren, terwijl ook veel rondhout en staand en lopend touwwerk gebroken is. De 11e augustus is het schip te Singapore aangekomen en is, na gehouden expertise bevolen, dat, daar het overgebleven tuig door de stormen zozeer geleden had, een gehele vernieuwing hiervan moest plaats hebben.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 30 september. Kapt. Mencke, voerende het Hannoverse schoenerschip RUDOLPH, alhier van Riga gearriveerd, rapporteert, dat hij in de Noordzee heeft zien vergaan het schip LAETITIA. Men veronderstelt, dat dit het schip LAETITIA, kapt. Jongebloed is, welke bodem 17 september van Memel (opm: Klaipeda) naar Antwerpen vertrok (opm: buitenlander).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening, op dinsdag de 16e oktober 1860, des middags ten 12 ure in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen de navolgende Nederlandse snelzeilende, gekoperde en kopervaste schepen, als
- Het in den jare1857 gebouwde driemast schoenerschip HENRIETTE WILHELMINE, laatst gevoerd door kapt. J.H. Bock, volgens meetbrief lang 34 el 20 duim, wijd 5 el 78 duim, hol 3 el 72 duim, en alzo groot 327 tonnen of 173 lasten, liggende in de Westerhaven te Rotterdam. (opm: voor 32.000 gulden verkocht aan Kerdijk & Pincoffs, Rotterdam, nieuwe scheepsnaam LODEWIJK, kapt. F.W. Ridder)
Nog zal afzonderlijk worden geveild een chronometer en een partij kaarten.
- Het in den jare 1854 gebouwde barkschip ECONOMIST, laatst gevoerd door kapt. S.C.J. Olivier; volgens meetbrief lang 40 el, wijd 7 el, hol 4 el 44 duim, en alzo groot 553 tonnen of 292 lasten, in de staat zoals het schip is, liggende aan het Slikkerveer aan de werf van de heer J. Smit Fzn.
Beide schepen met al derzelver rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen, sloepen en verdere inventaris.
Informatiën zijn te bekomen bij bovengemelde makelaars en van het schip HENRIETTE WILHELMINE bij de heer P.J. van der Aa Gz, en van het schip ECONOMIST, bij de heren Schrijver en Van Rossem, beide te Amsterdam.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Departement van Marine. (opm: uittreksel uit de toelichting op de begroting, verkort).
Kosten van de administratie NLG 250.975; loodswezen, betonning, bebakening, verlichting, quarantainedienst enz. NLG 863.094; materieel van de zeemacht en van 's rijks werven NLG 4.270.000; personeel van de zeemacht NLG 2.912.310; pensioenen, tijdelijke pensioenen, wachtgelden, gratificaties en onderstanden NLG 487.489; onvoorziene uitgaven NLG 50.000. Totaal NLG 8.833.868. Het eindcijfer van de begroting van het departement van marine voor het jaar 1861 is NLG 8.833.868, dat voor 1860 was NLG 8.826.958. Dus een gering verschil. Meer verschil is er in de samenstelling en inrichting van de onderdelen, waaromtrent aan de toelichting o.a. het volgende wordt ontleend:
De regeling, in het vorige jaar omtrent de aanschaffing en het beheer van de rijks-zee-instrumenten ingevoerd, voldoet geheel aan de verwachting. Over het algemeen mag verzekerd worden, dat de met de aanvang van dit jaar ingevoerde loodswetten geregeld werken en geen aanleiding tot botsingen of klachten geven.
Loodswezen. Drie loodsrinkelaars zijn in aanbouw op een particuliere werf te Groningen. Twee loodsschokkers zijn aangekocht: één van het gemeentelijk loodswezen te Amsterdam, één van dat te Harlingen. Voor twee nieuwe loodsschokkers worden de uitrustinggoederen, tuig en zeilen aangeschaft. Twee loodskantoren zijn aangebouwd en voor de dienst opengesteld: te Amsterdam en te Rotterdam.
Omtrent het materieel van de zeemacht en van 's rijks werven kan het volgende beknopt overzicht strekken, eensdeels tot toelichting van het gemaakt gebruik van de voor 1860 toegestane sommen, en voorts van hetgeen thans wordt beraamd. Het stoomfregat ZEELAND, waarin de verbeteringen zijn aangebracht, welke de ondervinding met de EVERTSEN opgedaan, had aangeraden, is op de 1e april van dit jaar in dienst gesteld, op de 20e mei naar zee gegaan, en heeft aanvankelijk beantwoord aan de goede verwachting, die romp, tuig en werktuigen hebben verwekt. Het stoomfregat ADOLF HERTOG VAN NASSAU (te Vlissingen in aanbouw), waarvoor werktuigen van enig meerder vermogen bestemd zijn, zal na de aanstaande winter te water gebracht worden. Dit heeft in de loop van dit jaar niet kunnen geschieden, uit hoofde er te Vlissingen, in plaats van één, twee stoomschepen 2e klasse op stapel gezet zijn (de LEEUWARDEN en de CURAÇAO) die men eerst in de inhouten (opm: spanten) heeft willen zetten, alvorens de te erlangen van het fregat en de stoomschepen 2e klasse enige tijd langer in de inhouten op stapel te laten staan. Vooral voor stoomschepen, die aan afwisselende uiteenlopende temperaturen, aan vochtigheid en droogte onderworpen zijn, en waarvan het hout dus veel meer dan in zeilschepen aan broeiing blootgesteld wordt, is het zaak, de aanbouw niet meer dan noodzakelijk is te bespoedigen. Zij dienen enige tijd in de inhouten op stapel te blijven staan, ten einde ontijdig verval te voorkomen. Om dit te kunnen doen zonder de aanbouw te vertragen, heeft men alle beschikbare hellingen moeten benutten, om schepen op stapels eerst in de spanten van oprichting en daarna vol hout te zetten, waarna zij achtereenvolgens afgebouwd zullen worden. Nadat een schip te water gebracht is, zal onmiddellijk de kiel van een ander in deszelfs plaats gelegd worden en dit in de spanten van oprichting gezet, alvorens een tweede schip voor de tewaterlating gereed te maken. Bij het afbreken te Hellevoetsluis van het voor- en achterschip van het fregat DE RUYTER, om dit zeilschip tot stoomfregat in te richten, is het gebleken, dat er zich in dit fregat, hetwelk in 1831 op stapel gezet is, geen enkel kwaad inhout bevond, hetgeen wordt toegeschreven aan de goede keuze en het langer drogen van het hout, op stapel staande, vóór dat het schip gesloten werd. De DE RUYTER zal in het volgende jaar zover gereed komen, dat hij naar Vlissingen kan overgebracht worden, alwaar dit fregat verder afgetimmerd zal worden. Ten einde zekerheid te erlangen, dat de stoomschepen 2e klasse aan de eis voldoen om Java te bezeilen, zonder onderweg een haven aan te doen, hebben de VICE-ADMIRAAL KOOPMAN en de CITADEL VAN ANTWERPEN bevelen ontvangen, om rechtstreeks naar Java te gaan. Op deze reis hebben beide schepen volkomen aan de verwachting beantwoord, en de bemanning heeft gedurende de gehele reis water gedronken dat van zeewater was overgehaald. De in gebruik zijnde zoutwater-distilleertoestellen hebben nu algemeen vertrouwen gewekt en kan de voorraad water aan boord van de schepen verminderd en hierdoor meer ruimte voor steenkolen enz. verkregen worden. De goede eigenschappen van de VICE-ADMIRAAL KOOPMAN zijn op de reis naar Java helder aan het licht gekomen en hebben deze soort van oorlogsschepen een zeer gunstige beoordeling in Indië doen verwerven. Er kon dus met meer gerustheid tot de gelijktijdige bouw van een groter aantal stoomschepen 2e klasse worden besloten. In de loop van dit en het vorige jaar zijn dan ook de kielen gelegd van de DJAMBI, ZOUTMAN en SOERABAIJA (te Amsterdam) en van de CURAÇAO en de LEEUWARDEN te Vlissingen. De DJAMBI zal nog dit jaar te water lopen en in plaats daarvan, een ander stoomschip 2e klasse opgezet worden. Dit zal ook geschiedden nadat de ZOUTMAN in het volgend jaar te water gebracht zal zijn. In de loop van dit jaar is de RETEH (stoomschip 4e klasse) te Amsterdam te water gelopen en voor de actieve dienst gereed gemaakt. Aan dit stoomschip zijn al de verbeteringen aangebracht die de ondervinding in de VESUVIUS, REINIER CLAESZEN, CORNELIS DIRKS en HET LOO opgedaan, heeft leren kennen. De RETEH zal spoedig voor de actieve dienst gereed zijn. Uit hoofde van de werking van de grond in de nabijheid van de helling waarop te Willemsoord de PRINSES MARIA gebouwd wordt (een stoomschip 4e klasse als RETEH), heeft men de aanbouw moeten schorsen. Na het aanvullen van de grond bij het nieuwe dok heeft men de werkzaamheden weer kunnen voortzetten en zal dit schip in het volgend jaar te water gebracht worden. Het stoomflottielje-vaartuig met machine van hoge druk DE HECTOR is, na bij de beproeving, zowel ter rede Texel, als in de Noordzee, zeer goed voldaan te hebben, naar West-Indië gezonden, waar het, naar men hoopt, goede dienst zal doen. Op 's rijks werf te Vlissingen is in het voorjaar het stoomflottielje-vaartuig met werktuigen van lage druk de HAARLEMMERMEER van stapel gelopen en verder afgebouwd. Het zal wel spoedig voor de actieve dienst gereed zijn. Na beproeving hier te lande wordt het nog in de loop van dit jaar naar Java gezonden. Men durft vertrouwen, dat deze soort van vaartuigen alleszins geschikt voor de Indische dienst zullen zijn. Van de acht stoomflottielje-vaartuigen met werktuigen van lage druk, op particuliere werven gebouwd, zijn de AMSTEL, de APELDOORN, de VECHT, de LINGE, de BERKEL, de DOMMEL en de DELFZIJL te water gebracht. De STAVOREN zal mede weldra te water komen. Allen zullen in de loop van dit jaar worden opgeleverd. De AMSTEL wordt voor de actieve dienst gereed gemaakt en zal na beproeving hier te lande, nog in dit jaar naar Oost-Indië gezonden worden. Bij de aanbouw van deze schepen op particuliere werven is grote vertraging ondervonden. Het voordeel, om ook deze soort van schepen enige tijd in de inhouten op stapel te laten staan en om de voorraad van hout, geschikt voor vaartuigen van kleine afmetingen, te benutten, heeft doen besluiten om op de rijkswerf te Amsterdam 3 en te Vlissingen 2 stoom-flottielje-vaartuigen op stapel en vol hout te zetten, om achtereenvolgens te worden afgebouwd. In de loop van dit jaar zijn reeds de kielen te Amsterdam gelegd van de COEHOORN en de SOESTDIJK. De drijvende batterijen NEPTUNUS en ORKAAN zijn reeds te Willemsoord, om aldaar geheel gereed gemaakt te worden. Ook de SALAMANDER zal in de loop van dit jaar van Amsterdam derwaarts gaan om afgetimmerd te worden. De DRAAK en de JUPITER worden te Vlissingen geheel klaar gemaakt, zodat op het einde van dit jaar vijf drijvende batterijen gereed zullen zijn om bewapend te worden. De OLIPHANT zal in het volgend jaar tot drijvende batterij ingericht worden. Het fregat PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN is onder de bewerking zodanig vervuurd bevonden, dat de machtiging van de koning is gevraagd en verkregen om dit fregat te slopen. Vier verdedigingsvaartuigen zijn in de loop van dit jaar bij particulieren gebouwd en te water gebracht: de CLAUDIUS CIVILIS, POLLUX, WODAN en THOR. Zoals verleden jaar reeds is meegedeeld, bestaat het voornemen om, naar mate de kanonneerboten door ouderdom wegvallen, ze te doen vervangen door verdedigingsvaartuigen en deze bij particulieren uit te besteden. Het raderstoomschip AMSTERDAM is in de loop van dit jaar hersteld en wordt voor de actieve dienst weer gereed gemaakt om naar Oost-Indië terug te keren. Het raderstoomschip SINDERO is te Hellevoetsluis grotendeels vernieuwd en naar Vlissingen overgebracht om aldaar verder afgetimmerd te worden. In het volgende jaar zullen te water worden gebracht: de stoomfregatten ADOLF HERTOG VAN NASSAU en DE RUYTER, het stoomschip 2e klasse ZOUTMAN, het stoomschip 4e klasse PRINSES MARIA, de drijvende batterij OLIPHANT, terwijl er gelegenheid zal bestaan om, als dit nodig is, twee of meer stoomflottielje-vaartuigen af te bouwen. Het stoomfregat ADMIRAAL VAN WASSENAAR, de schroef-korvet MEDUSA, het stoomschip 4e klasse MONTRADO en het raderstoomschip MERAPI zullen in het volgend jaar hersteld om, voor zover nodig bevonden wordt, vernieuwd worden. Wanneer men bij het gegeven overzicht van de verrichte werkzaamheden gedurende het lopende jaar voegt de gewone herstellingen en voorzieningen aan de in dienst en in conservatie zijnde schepen, het klaar maken van de tuigen en uitrustingsgoederen van de in aanbouw zijnde schepen en vaartuigen, de zeilen, de sloepen, het blok- en touwwerk enz, dan zal, vertrouwt men, de overtuiging zich meer en meer vestigen, dat met kracht wordt voortgewerkt aan het herstel van het materieel van de zeemacht. De eisen van de landsverdediging worden daarbij niet uit het oog verloren. De verdedigingsvaartuigen, kanonneerboten en blokschepen zijn in zodanige staat gebracht, dat zij binnen 14 dagen voor de actieve dienst gereed kunnen zijn. Al de uitrustingsbehoeften zijn verzameld en op de plaats aanwezig waar de schepen geconserveerd worden. In zodanige toestand worden ook de drijvende batterijen gebracht, nadat zij geheel afgetimmerd zullen zijn. Bovendien zullen op het einde van dit jaar zeven stoom-flottielje-vaartuigen en drie raderstoomschepen gereed zijn om voor de landsverdediging in dienst gesteld te kunnen worden.
Stoomvaartdienst. In de rapporten van de commandant van Zr.Ms. zeemacht in Oost-Indië wordt gezegd, dat de werktuigen van de laatstelijk aldaar aangekomen stoomschepen VICE ADMIRAAL KOOPMAN, CITADEL VAN ANTWERPEN, HET LOO en REINIER CLAESZEN allen bij de aankomst in Indië in goede staat en voor de dienst gereed waren. De ondervinding spreekt over het algemeen een gunstig oordeel over onze stoomwerktuigen uit.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht overdekt Snikschip, groot 6 tonnen, met complete inventaris. Te bevragen bij J. Keijzer, op het Noordvliet te Leeuwarden.


03 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 27 september. Het schip NOORD HOLLAND, kapt. P. Fijn, alhier met schade binnengelopen, heeft een aanvang gemaakt met lossen.


04 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 oktober. Van het Nieuwediep is gisteren vertrokken het stoomschip FRANS NAEREBOUT, luit. E. Verschoor, bestemd naar Hellevoetsluis, op sleeptouw hebbende Zr.Ms. flotille-vaartuig VULKAAN, welk laatste schip aldaar verder in gereedheid zal worden gebracht. Men verwacht te Nieuwediep eerstdaags van Amsterdam Zr.Ms stoomschip AMSTERDAM, hetwelk weder voor de dienst in Oost-Indië is gereed gemaakt en in dienst zal worden gesteld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 3 oktober. Door de loodskotter No. 4 is alhier aangebracht kapt. Petitgas en de verdere bemanning van de gezonken Franse schoener ALMA, van Requejada met erts naar Rotterdam bestemd. Deze schipbreukelingen werden op de hoogte van de Ooster door de loodskotter opgenomen.


05 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. De Nederlandse bark JUNO, kapt. Chevalier, van Decima met steenkolen, ruwe zijde, was, enz. naar Batavia, is volgens brief van Singapore van 18 augustus, in de nabijheid van Macassar gestrand (opm: zie o.a. JB 220860). Volgens bericht van de kapitein, die de 9e augustus te Macassar was aangekomen, waren circa 1000 kisten was en de lading steenkolen in het schip gebleven, die waarschijnlijk daarmede weg zouden zijn. De geborgen lading was te Macassar opgeslagen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Volgens brief van kapt. Wijtenhorst, voerende het schip DAVO, dacht hij de 20e juli van Wanchew naar Amoy te vertrekken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 2 oktober. Het schip GEZINA EN WILHELMINA, kapt. Dokman, van Riga naar Amsterdam, op de Makkumerwaard gestrand, is na een gedeelte van de lading gelost te hebben, weder in vlot water gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wyche (opm: Wyck auf Föhr), 1 oktober. De houtlading van het Rounde (opm: te Rømø, 55º8’ N.B. 8º28’ O.L; zie NRC 010960) verongelukte Nederlandse schip BOUWINA, kapt. Middel, zal 5 dezer in publieke veiling verkocht worden.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en best onderhouden Tjalkschip, met zeer complete inventaris, zodanig dat hetzelve thans in de beste orde en dadelijk bevaarbaar is, groot 19 ton, laatst bevaren door Heere Attes Binkema, liggende te Akkrum.
Nadere informatie te bekomen bij H.W. Bonsma en ten kantore van de notaris Bokma te Akkrum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een nieuwe praam, geheel klaar, te bevragen bij de Wed. F.J.Prins aan de Nieuwe Brug.


06 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 5 oktober. Hedenmorgen ten 6 ure is, na alvorens op de punt van de Ooster gestoten te hebben, gezonken de Engelse schoener VENUS, kapt. Algar van Middlesbro' met een lading ijzer naar Rotterdam bestemd. De loodsboot No. 1, schipper Postumes, heeft de equipage die met haar boot reeds in de branding was, op de hoogte van Goeree gereed en alhier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 2 oktober. Het kofschip CONCORDIA, kapt. Nannings, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met lijnzaad naar Antwerpen bestemd, is alhier met verlies van zeilen en overgeworpen lading binnengekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 2 oktober. In de Eijerlandse Gronden zit een masteloos schip, bijzonderheden nog onbekend.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Greenock, 3 oktober. De Nederlandse schoener MARGARETHA HENDRIKA, kapt. De Jonge (opm: kof, kapt. T.F. de Jong), van hier met een lading machineriën naar Cuba bestemd, is hedenmorgen op de bank gestrand en daarna gezonken (opm: zie NRC 211060, 211160 en 101260). De bemanning is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Janeiro, 7 september. Het Nederlandse schip MALVINA, kapt. Hoogerwerff, 15 juli van hier naar Cadix vertrokken, is met schade uit zee geretourneerd.


08 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 6 oktober. Heden heeft Zr.Ms. stoomschip RETEH buitengaats een proeftocht gedaan, die in alle opzichten aan de verwachting heeft beantwoord. De uitslag van die proef is, naar wij vernemen, als volgt: met halve kracht stomende maakte men 4½ mijl, met volle kracht 7 à 7½ mijl; in stroom zeilende met de drie gaffels in de wind en stroom liep men 8½ mijl; terwijl men om de N.O. naar het Nieuwediep stevende met volle kracht, zonder zeil, 9 mijl maakte. (opm: waar mijl staat bedoelt men knopen = mijlen/uur)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 6 oktober. De Nederlandse kof MARGARETHA, kapt. Panman, van Riga met rogge naar de Maas bestemd, is hier zwaar lek binnengebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 5 oktober. De kof GRETINA, kapt. Gortmaker (opm: vermoedelijk buitenlander), van Newcastle naar Memel (opm: Klaipeda), heeft hier ter rede door aanzeiling de masten verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 5 oktober. De Hannoverse kof AMELIE, kapt. Wit, van Havre naar Pillau (opm: Baltyisk) bestemd, alhier ter rede liggende, is door het uit het Kattegat komende Nederlands fregat ZEEPLOEG, kapt. Kramer van Riga naar de Kaap de Goede Hoop, aangezeild en bekwam zoveel schade dat het schip in de haven is gehaald om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 5 september. Het Nederlandse schip MERCATOR, kapt. Van der Woude, van Batavia naar Schiedam, is de 25e augustus alhier met schade binnengelopen, doch heeft na een en ander hersteld te hebben de 2e september de reis opnieuw aanvaard.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 5 september. Het Nederlandse schip ARLEQUIN, kapt. Singer, op de reis van Batavia naar Rotterdam alhier lek binnengelopen, heeft 25 augustus na geëindigde reparatie de reis voortgezet. Het schip heeft, om de averijkosten te dekken, een bodemarij genomen van $ 9.200 à 14,99%, betaalbaar 20 dagen na behouden arrivement te Rotterdam.
(opm: bodemarij of bodemerij [van bodem = schip] omschrijft Mr. J.A. Molster als eene overeenkomst tussen een geldschieter en een geldopnemer, waarbij eene som gelds wordt opgeschoten, met beding van premie en onder verband van schip of goed of beide, met dat gevolg, dat indien het verbondene, geheel of gedeeltelijk, door toevallen op zee vergaat of vermindert, de geldschieter zijn recht op de opgeschoten penningen en op de premie verliest, voor zoover dit een en ander niet op hetgeen overblijft kan worden verhaald; maar indien het verbondene schip behouden ter plaatse zijner bestemming aankomt, de hoofdsom, benevens de premie moet betaald worden)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 5 september. Het alhier van Muscat gearriveerde Nederlandse schip MARIA JOHANNA, kapt. Geerling, dat, als vroeger gemeld, gedurende de reis lekkage bekomen en zeilen verloren had, heeft de reparatie geëindigd. Ter bestrijding van de onkosten heeft het schip à 17% een bodemarij (opm: zie hierboven) van $ 3.000 gesloten, betaalbaar 30 dagen na behouden arrivement te Swan River, Adelaide of Melbourne.


09 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 8 oktober. Gisteravond is op Maasdroogen gestrand de Engelse schoener ALMWICK-PACKET, kapt. Widdin, van Liverpool met een lading zout naar Zwijndrecht bestemd; de equipage, bestaande uit 6 man, is door de loodsschokker van de Maas, schipper Pieter Harder, gered en alhier aangebracht. Enige zeilen zijn mede alhier aangebracht. Het schip zal totaal weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 oktober. Men bericht ons van Ameland, dat aldaar is aangedreven een scheepsnaambord, waarop met vergulde letters HELENA VAN en een waarop Harlingen stond, benevens een scheepsboot en enig rondhout, en veronderstelt men daarom vrij zeker dat het alhier thuis behorende kofschip HELENA, kapt. N.L. v.d. Wal, met hout van Memel (opm: Klaipeda) op hier bestemd, niet ver van genoemd eiland is verongelukt. Reeds gisteren is alhier hout aangebracht, hetwelk volgens de merken tot de lading van gemeld schip behoorde. Omtrent het lot van de equipage verkeert men in het onzekere, doch men vreest dat zij is omgekomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Schuit of Snikscheepje, met roef en complete inventaris. Te bevragen bij de kastelein Veenstra te Workum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De griffier bij het kantongerecht te Hindelopen gedenkt, ten verzoeke van de heer Althuisius te Stavoren, op zaterdag de 20e oktober 1860, ’s voormiddag 11 uur, aan de scheepstimmerwerf te Stavoren, tegen gereed geld, te verkopen:
Scheepsgoederen en sloophout, afkomstig van het in de maand juli j.l. in de haven van Stavoren gezonken Tjalkschip, bestaande hoofdzakelijk in: mast, zwaarden, roer, braspil, giek, boegspriet, luiken, handspaken, 1 watervat, 1 zware tros, lang plm. 50 el, 3 enden zwaar ankerketting, lang ongeveer 70 el, 1 best anker, zwaar 81 lbs (opm: Engelse ponden), 1 dito, zwaar 116 lbs, zeil met gaffel, 1 topzeil, 4 dekkleden, stag en want en verder touwwerk, haken, boomen, kettingen, 1 boot, diverse planken, berghouten, en ander sloophout, ongeveer 30.000 kleurige grauwe metselsteen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

In de vroege morgen van de 4e october l.l. strandde, bij hevige storm uit het NNW, bij Schiermonnikoog het Deense brikschip CHRISTIAAN, kapt. N. Hanssen, geladen met roodhout, komende van West-Indië en naar Hamburg bestemd. Bij herhaling werden alle pogingen aangewend om de uit elf personen bestaande bemanning met de reddingboot aan wal te brengen. Het mogt alleen ten aanzien van een enkel persoon, een matroos, gelukken; de kapitein en de verdere ekwipage kwamen in de golven om. Het schip is geheel verloren; van de tuigage en lading zal welligt nog iets kunnen worden geborgen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie: ZEEVAARTKUNDE
Commissarissen van de school voor wis- en zeevaartkunde, gevestigd te Harlingen, brengen ter kennis van belanghebbenden:
Dat de heropening dier school op donderdag de 1e november dezes jaars zal plaats hebben en dat daarop kosteloos onderwijs zal gegeven worden in de wis- en zeevaartkunde en Engelse taal, aan jonge lieden, die voor de zeemansstand worden opgeleid.
Om tot dat onderwijs te worden toegelaten wordt vereischt:
• Ouderdom niet beneden 14 jaren.
• Bewijs van goed gedrag door het bestuur der woonplaats van de leerling afgegeven.
• Een af te leggen examen in het lezen, schrijven en rekenen.
Zij, die verlangen van het onderwijs gebruik te maken, kunnen zich voor 1 november bij commissarissen aanmelden en na die tijd, des maandags, donderdags en zaterdags, van 10 tot 12 uur des morgens, aan het schoollocaal, Op de Lanen.
Harlingen, 2 october 1860
Commissarissen voornoemd: A. Harmens, Y. Rodenhuis Pietersz, F. Fontein Dkpz.


10 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. De minister resident van Hannover heeft aan de Nederlandse regering mededeling gedaan van het verongelukken van het koopvaardijschip L’ ALLIANCE, kapt. Hilligers, in de nabijheid van het eiland Borkum, en het vermoeden te kennen gegeven, dat het vergaan van dien bodem het gevolg is geweest van een oproer, en dat de schuldigen, ten getale van drie, zijnde er van de bemanning, bestaande uit negen personen, slechts zes lijken gevonden, en wel bij hoog water, zich met een vermist wordende boot gered hebben op de Nederlandse kust. Bij ontdekking zijn de bevoegde autoriteiten aangeschreven onverwijld nadere bevelen te vragen aan de minister van justitie.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. In de morgen van de 9e dezer is Zr.Ms. schroefstoomschip MONTRADO, commandant kapt.luit.t.zee Jhr. J.H. van Capellen, van zijn reis uit Oost-Indië te Brouwershaven binnengekomen. Aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 8 oktober. De van Schiedam komende Nederlandse schoener HENRICA (opm: kof, vermoedelijk HENDRIKA), kapt. T. Nuisker (opm: zie ook NRC 151060), en de Oldenburger schoener NORMA, kapt. Grube, zijn op de kust van Livonie (opm: Lijfland, Estland) gestrand en verbrijzeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 7 oktober. In de storm van 4, 5 en 6 dezer zijn onder meer anderen alhier gestrand het te Groningen thuis behorende schip MEINKINA, kapt. Harkema, van Grimstad naar Bremen (opm: tjalk MEISKINA, zie NRC 051160), en de schepen HELENA, kapt. Westenborg, van Söderhamn en HARMONIE, kapt. Dietrichsen, van Fredrikstad.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Skive, 6 oktober. Het te Harlingen thuis behorende schip (opm: kof) BAREND, kapt. J. Both, geladen met lijnzaad, is bij Lemvig gebleven (opm: zie LC 161060).
Het schip ALBRECHT THAER, kapt. Hommes, in ballast, MARGARETHA, kapt. Tode, met tarwe, EMANUEL, kapt. Bas, met hout, KRONPRINZ FREDERICK, kapt. Haagenzen, in ballast, MARIA, kapt. Martenzen, met ijzer, en TROIS SOEURS, kapt. Leberiqand, met hout, zijn allen bij Lemvig verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 8 oktober. De Hamburger brik CHRISTIAN, kapt. Hansen, van Laguna, met roodhout, naar Hamburg, is, volgens brief van Schiermonnikoog, aldaar totaal verongelukt. Van het volk is slechts één man gered. (opm: zie LC 091060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 6 oktober. Het Nederlandse schip VROUW MARTHA, kapt. De Vries, van Gothenburg naar Amsterdam, is alhier met verlies van stutten, verschansingen, watervaten, deklast, boot enz. binnen gelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 6 oktober. Het Nederlandse schip ALBERDINA, kapt. Wilkens, van Bremen naar Christiania (opm: Oslo), is alhier met verlies van ankers en kettingen uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 6 oktober. De kof METTA GESINA, kapt. Feddes, van Laurvig met hout naar Amsterdam, is op Langeoog gestrand. De bemanning en de fleet (opm: vleet, d.w.z. zeilen, inclusief staand en lopend tuig) is gered. Met de berging van de lading is begonnen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 5 oktober. De Nederlandse kof SOPHIA KLASINA, kapt. Wolthekker, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met lijnzaad naar Aberdeen, is alhier met verlies van zeilen en touwwerk binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 5 oktober. De Nederlandse schoener REMDA, kapt. Bakker, van Hamburg met stukgoed naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) bestemd, heeft hier ter rede anker en ketting verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Peterhead, 5 oktober. Kapt. Patterson, van Montrose alhier gearriveerd, rapporteert, dat hij op zijn reis een Hollandse kof heeft zien zinken (opm: mogelijk GEZINA ALIDA, zie NRC 111060, maar zie ook NRC 121060).


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 1 oktober. Wij vernemen dat het Nederlands schip HEBE, gevoerd door kapt. A.H. Kiehl, op zijn reis van Batavia naar Soerabaija, in de vroege ochtend van 17 september aan de grond is geraakt bij de tweede baak van Madura, peilende Bangkallang Z.O. en Fort Erfprins Z.W.tenW½W. Het schip is de 29e te elf uur ’s voormiddags weer vlot geworden, en zonder schade te hebben bekomen hier gisteren gearriveerd. Wellicht zou het wenselijk zijn om ter plaatse te onderzoeken, of het nodig is de bedoelde baak te verzetten, want, al is het vastraken in de modder nu al niet zo dadelijk gevaarlijk, het kan tot grote kosten en oponthoud leiden, zoals dan ook de HEBE 6 dagen reis heeft gehad van Batavia naar Oedjoen Pangka (opm: Ujung Pangka), en van daar naar de rede van Soerabaija 5 dagen is onder weg gebleven.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 3 oktober. Het wrak van de DERKINA TITIA, welk vaartuig kortelings totaal is verongelukt op het rif van het Arends Eiland in de Java Zee (opm: zie JB 290960), is gisteren op de vendutie verkocht, zoals hetzelve ter plaatse is liggende of niet liggende, voor NLG 29. De barkas waarmee kapitein en equipage hier zijn aangekomen, bracht NLG 351 op.


11 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 9 oktober. Het Nederlandse schip GESINA ALIDA, kapt. Bottje (opm: kof GEZINA ALIDA, kapt. D.H. Botje), van Hartlepool naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is gezonken (opm: zie NRC 101060 en 121060).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen,10 oktober. Deze middag ten half twee ure, is alhier gestrand de Noorse schoener OTTO (opm: mogelijk OTHER, zie NRC 121060), kapt. Key, met een lading hout van Christiaansand naar St.Valery sur Somme bestemd. De reddingsboot, onder het bestuur van de heren A. Hoogeveen en F. Varkevisser, heeft de schepelingen, zeven in getal, van boord gehaald en van een anders gewisse dood gered, want enige minuten later verbrijzelde het schip. De lading wordt gedeeltelijk op het strand geworpen en door de strandvonderij geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middlesbro', 6 oktober. Met het schoenerschip HOPE, werd heden alhier aangebracht kapt. Ouwehand en de verdere bemanning van de Nederlandse brik STAD VLISSINGEN, van Rotterdam naar Newcastle bestemd, welke bodem de 4e dezer in zinkende staat verlaten werd. Kapt. Ouwehand rapporteert dat toen hij het schip verliet, de pompen verstopt waren en de ballast door het werken overgeslagen (opm: overgegaan) was. (opm: zie NRC 121060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helgoland, 7 oktober. Alhier is aangebracht een van de equipage verlaten, met hout beladen, vaartuig, dat volgens de bouwtrant, van Nederlandse oorsprong schijnt te zijn. (opm: zie NRC 151060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wijck auf Föhr, 7 oktober. De Nederlandse kof (opm: smak) VERWACHTING, kapt. H.S. Gnodde, van Christiania (opm: Oslo) naar Bremen, is in de nacht van 5 op 6 dezer bij Amrum gestrand. Het volk is gered en ook de lading hoopt men bij gunstig weer te bergen (opm: zie NRC 171060 en 261060). Het schip is verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 8 oktober. De schepen NORNA, kapt. Gunderson, van Söderhamn naar Londen en ANDREA THEODORA, kapt. Romes, van Rouaan naar Kroonstad (opm: Kronsjtadt), zijn, het eerste op Dagoe (opm: Hiiumaa) , en het laatste op Oesel (opm: Saaremaa) gestrand.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 9 oktober. Het Nederlandse schip CATHARINA, kapt. Timmers (opm: galjoot, kapt. G.F. Timmer), van Nerva naar Amsterdam, is ten Oosten van Kunda (opm: 59º31’15” N.B. 26º32’28” O.L.) gestrand. (opm: zie NRC 171060 en 201060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjørring, 6 oktober. De te Veendam thuis behorende schoenerkof JOHANNA CHRISTINA, kapt. Westerbrink (opm: bouwjaar 1860; kapt. H.A. Westenbrink), van Schiedam naar Fredrikstad, is bij Grönhöi gestrand (opm: zie NRC 111060). De bemanning is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkjøbing, 6 oktober. Circa 6 mijlen van hier is een met tarwe beladen Nederlandse schip gestrand. (opm: zie NRC 121060)


12 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 11 oktober. Het grootste gedeelte der lading van de gisteren voor Scheveningen verbrijzelde schoener OTHER (opm: mogelijk OTTO, zie NRC 111060)
is, niettegenstaande het stormachtig weder, geborgen, 't geen men aan de onvermoeide ijver en het goed beleid van de strandvonderij te danken heeft. De lading, verzonden van het handelshuis van de heren A.C. Hartmann en Zoon te Christiaansand (opm: Kristiansand), was geadresseerd aan dat van de heren Tallegrain Delabarthe en Zoon, te Amiens.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 9 oktober. Het schip NOORDSTAR, kapt. Brouwer, van Riga naar Maassluis, is alhier met opgeslagen dek, verlies van verschansingen, ketting en met meer andere schade binnengelopen, na zware stormen doorgestaan te hebben. Het moet lossen om te repareren. Het schip FENNA, kapt. Jager, van Tvedestrand naar Harlingen, is alhier lek, met verlies van deklast, schade aan tuigage enz, binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aberdeen, 10 oktober. Een alhier gearriveerd kapitein rapporteert dat hij de 6e dezer op 56º N.B. en 1' O.L. het wrak van een ogenschijnlijk Nederlands vaartuig gepasseerd is, dat met appelen beladen was (opm: vergelijk NRC 101060).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hull, 10 oktober. Heden werd alhier door twee vissersvaartuigen binnengebracht, de Nederlandse brik STAD VLISSINGEN, welke bodem men mastloos en door het volk verlaten in zee drijvende vond. De equipage van de STAD VLISSINGEN is, zo als wij gisteren mededeelden, te Middlesbro' aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 9 oktober. De bemanning van de gezonken Nederlandse kof GESINA ALIDA (opm: GEZINA ALIDA), kapt. Bottje – zie NRC van gisteren – is, met uitzondering van de stuurman, die van de fokkera overboord viel en verdronk, gered en gisteravond alhier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjørring, 6 oktober. Van de bij Grönhöi gestrande Nederlandse kof JOHANNA CHRISTINA, kapt. Westerbrink – zie NRC van gisteren – is de tuigage en inventaris geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Arendal, 29 september. De schepen CERES, kapt. Roer, van Sundsvall naar Gloucester en DIANA, kapt. Ström, naar Ronea bestemd, zijn verongelukt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiaansand (opm: Kristiansand), 5 oktober. De schoenerkof DEHMUTH, kapt. Oncken, van Dantzig (opm: Gdansk) met tarwe naar Amsterdam, is hier lek en met andere schade binnengelopen. Moet lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkjöbing, 8 oktober. Het alhier gestrande Nederlandse schip, waarvan wij gisteren melding maakten, is gebleken te zijn de te Veendam te huis behorende kof GEMINI, kapt. R.R. Lukkien, met een lading tarwe van Dantzig (opm: Gdansk) naar Leith. De bemanning is gered, maar schip en lading zijn weg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkjöbing, 8 oktober. De 2e dezer is te Faltring Kirchspiel (opm: Fjaltring, 56º28’ N.B. 8º8’ O.L.) gestrand de te Schiedam te huis behorende kof HILLEGONDA, kapt. L.K. Siegel, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met lijnkoeken naar Hull bestemd. Het volk is gered.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een hecht Praamschuitshol, groot volgens meetbrief 74 ton, liggende aan de werf van T.A. Visser te Workum.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op de 5e en 6e oktober 1860 op Ameland aan strand gespoeld zijnde:
een Chaloup, een zeil, een giek, een pomp, twee watervaten, een roerpen, enig wrakhout, alles ongemerkt, een naambord, waarop staat: HELENA VAN, een dito waarop staat Harlingen en voorts 830 blokken eiken of klaphout, zo worden de eigenaren daarvan uitgenodigd een en ander ter reclameren bij de burgemeester van Ameland. (opm: zie NRC 091060)


13 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 12 oktober. Hedenmorgen is op de Ooster gestrand de Franse schoener AIMÉ DÉSIRÉ, kapt. Allain, van Noorwegen met hout naar Bordeaux. De equipage, bestaande uit zes man, is door de Loodsboot No. 12, van Goeree en de Maas, schipper Hans, met levensgevaar gered en behouden alhier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 12 oktober. Op de punt van de Westplaat, bewesten de Maas, zit een schoener; de bemanning van de reddingboot is naar het strand vertrokken ter assistentie. Nadere bijzonderheden ontbreken nog.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 11 oktober. Gisteren is op Terschelling gestrand het Nederlandse kofschip VRIENDSCHAP, kapt. Bakker, bestemd met hout van Dantzig (opm: Gdansk) naar Edam. De equipage is gered en men is bezig de lading te bergen. (opm: zie LC 161160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 9 oktober. Het te Groningen te huis behorende schip GEORGINA, kapt. K. Heins, is eergisteren bij Sassnitz (eiland Rügen) gestrand. Bijzonderheden ontbreken nog. (opm: zie NRC 171060 en 191060)


14 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Heden is te Amsterdam met goed gevolg van de werf de Nachtegaal van de heren W. & A.H. Meursing te water gelaten het ijzeren clipper-barkschip PEGASUS, groot ca. 400 ton, gebouwd voor rekening der Reederij-Sociëteit te Amsterdam, onder de firma J. Rahder & Co, en gevoerd zullende worden door kapt. G. Mannoury.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 13 oktober. Het Nederlandse schip (opm: kof) CATHARINA ELIZABETH, kapt. Lever, is hedenmorgen aangezeild door de afkomende Engelse brik GEORGE AND MARY, kapt. Goodall. Het eerst gemelde schip heeft daardoor belangrijke schade aan schip en tuigage bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mandal, 7 oktober. De kof ST. NICOLAUS, kapt. Dijk, van Schotland met haring naar Elseneur bestemd, is met schade in Traegdefiord binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 oktober. De Nederlandse kof REMKE (opm: RENSKE), kapt. E.J. Scherpbier, van Libau (opm: Liepaja) naar Rotterdam, is bij Petten verongelukt. Van de equipage zijn 6 man omgekomen (opm: zie ZZC 201060).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 oktober. Het Engelse schip SPECULATION, kapt. Glad, van Charleston, is in een zinkende staat alhier in de haven gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 11 oktober. Het Nederlandse barkschip MACASSAR, kapt. Rip, van Newcastle naar Singapore, heeft gisteren hier ter rede anker en ketting moeten slippen om aandrijving te voorkomen. Het schip is op nieuw van een en ander voorzien en heeft heden weder zijn reis aanvaard.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Folkestone, 11 oktober. Het Nederlandse schip (opm: kof) DRIE GEBROEDERS, kapt. W.T. Fenenga, van Riga naar Bayonne, is hier 9 dezer binnengelopen. Het schip heeft die dag bij Zuid-Voorland (opm: South Foreland) 3 man over boord verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 12 oktober. Circa 150 last van de lading van het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip VAN DER PALM, kapt. Marcus, van Java naar Schiedam bestemd, zal in een ander schip overgeladen en verder naar de bestemming vervoerd worden. De VAN DER PALM zal slechts het hoog nodige alhier repareren en binnen 8 of 10 dagen gereed zijn om de reis voort te zetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cape Coast, 12 augustus. De Nederlandse schoener HANDEL, kapt. Arnold qq, van de kust van Guinea naar Amsterdam bestemd, is 31 juli bij Amanfort, ten noorden van Elmina, gestrand, en is totaal verloren. De bemanning en een groot gedeelte van de lading is gered.


15 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 oktober. Aangaande het schip METTA GEZINA, kapt. Feddes, van Laurvich (opm: Larvik) op hier bestemd, op Langeoog gestrand, wordt van Norden gemeld, dat de lading balken geborgen was.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 10 oktober. De te Oude Pekela thuis behorende schoener KIEL WINDEWEER, kapt. Moesker, van St. Petersburg naar Amsterdam, is heden alhier binnengelopen met verlies van zeilen, boegspriet, kluiverboom, ankers, ketting en andere schade. Het schip moet lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig (opm: Gdansk), 10 oktober. Het schip (opm: galjoot) NOTARIS VAN BOEKEREN, kapt. J.J. Boon, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, is alhier wegens stormweder binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helgoland, 12 oktober. De lading van het alhier gestrande, ogenschijnlijk Nederlandse schip – zie NRC van 11 dezer – is geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 7 oktober. De bemanning van het alhier gestrande Nederlandse schoenerschip HENRICA, kapt. Nuisker – zie NRC van 10 dezer – is gered. Het schip is echter totaal weg.


16 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 oktober. Zr.Ms. schroefstoomschip MONTRADO, laatstleden woensdag van Batavia te Hellevoetsluis binnengekomen, ligt aan ’s Rijks werf om afgetuigd en waarschijnlijk de 26e dezer buiten dienst gesteld te worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 oktober. Met het schip ARIADNE, kapt. Niemann, is alhier aangebracht kapt. Muller en 4 man der equipage van het de 3e oktober in een orkaan op zijde geworpen brikschip HELENA CAROLINA (opm: buitenlander), van Riga met een lading hout naar Antwerpen bestemd.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 14 oktober. In de verliezen, door de stormen der vorige week veroorzaakt, heeft onze stad weder gedeeld. Het hier, aan het kantoor Barend Visser en Zoon, behorende kofschip BAREND, kapt. Both, met lijnzaad van Petersburg naar Harlingen, werd door storm de 4e oktober op zijde geslagen en bleef drijvende tot het op de kust van Jutland strandde. De equipage werd gered, doch schip en lading zijn geheel verloren. (opm: zie NRC 101060)
Dit is het derde kapitale schip, dat aan kantoor behorende, dat binnen de tijd van zes weken is vergaan.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een hechte Tjalkschuit, groot 21 ton.
Te bevragen bij W. Nijdam, scheepstimmerman te Bolsward.


17 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 16 oktober:
- Het Nederlands schoenerschip HENRIETTE WILHELMINE, groot 327 ton, voor NLG 32.000 verkocht; de chronometer voor NLG 150, de kaarten en boeken voor NLG 90 verkocht.
- Het Nederlandse barkschip ECONOMIST, groot 553 ton, voor NLG 9.000 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Het alhier thuis behorende schip ANTHONIA PETRONELLA (opm: bark ANTONIA PETRONELLA), kapt. A. Vorendijk, is de 29e augustus, na een reis van 110 dagen, van Cardiff te Singapore gearriveerd. Aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. Van de lading van het schip de HANDEL, kapt. Arnold, bij Amanfort gestrand, zijn 58 fusten palmolie en van de inventaris een klein gedeelte geborgen en voor 1.200 dollars verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 oktober. Gisteren is alhier op strand aangespoeld een scheepsnaambord met vergulden rand, waarop met ingesneden en vergulde letters STAD ASSEN.
(N.B. Het Nederlandse schip [opm: bark] STAD ASSEN, kapt. H.J. Haverbult, lag 9 augustus te Stockholm zeilklaar naar ……).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 14 oktober. Het Nederlandse schip ANNA CATHARINA, kapt. Huges, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Brest, is alhier met verlies van fokkesteng en kluiverboom binnengelopen.
Kapt. Huges rapporteert de 1e dezer bij Doggersbank gepasseerd te zijn een gezonken schip, dat met de spiegel boven water uitstak, waarop de naam van MARGARETHA geschilderd was.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 13 oktober. Gisteren is alhier, lek binnengelopen, het Nederlandse schip (opm: kof) JANSJE, kapt. A. Pik, van Frederikshald naar Veendam, bestemd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 9 oktober. Het Nederlandse schip CATHARINA, kapt. Timmer, van hier met balken naar Amsterdam, dat 4 dezer ten oosten van Kunda (opm: 59º31’15” N.B. 26º32’28 O.L.) strandde – zie NRC van 11 oktober – is als wrak te beschouwen (opm: zie NRC 201060). Het schip moet op een blinde klip geraakt zijn en zo lek zijn geworden, dat het de 6e reeds met het dek onder water zat. De equipage heeft zich in de boot gered en is daarmede gelukkig aan wal gekomen en men zou trachten bij gunstig weder iets van de inventaris te bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 12 oktober. Het op Rügen gestrande Nederlandse schip GEORGINA, kapt. Heins – zie NRC van 13 oktober – is geheel wrak. De opvarenden zijn allen gered, zomede een onbeduidend gedeelte van de inventaris. (opm: schip was kof DERKINA, kapt. K. Heins, zie NRC 191060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 11 oktober. Het schip CORNELIA ALIDA, kapt. Zwanenburg, van St. Petersburg naar Amsterdam bestemd, is met vele andere schepen wegens tegenwind alhier nog liggende. Het schip had door aandrijving van een jacht de kluiverboom verloren en enige schade aan de verschansing bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bolderaa, 9 oktober. Het op 30 september van hier vertrokken Nederlandse kofschip ARIES, kapt. A. Engelsman, is heden wegens ziekte van de equipage en met verlies van zeilen, ankers en ketting uit zee geretourneerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 augustus. Aangaande de verongelukte schepen ADRIANA JACOBA – zie NRC van 30 september – en JUNO -zie NRC van 5 oktober - meldt men van Celebes het volgende:
De op de 14e juli jl. van de rede van Makassar vertrokken Nederlandse schoener ADRIANA JACOBA, gevoerd door kapt. Detmers, bestemd naar China; is de 21e daaraanvolgende op het rif van het eiland Dewakan, ten NO van de Laarsbank gestrand, Zr.Mr. stoomschip PHOENIX, op verzoek van de gouverneur van Celebes en onderhorigheden derwaarts vertrokken, kwam de 24e juli ter rede te Makassar terug, aan boord hebbende de niet zonder moeite geredde equipage van gezegden schoener, bestaande uit de gezagvoerder, stuurman, zes Europeanen en drie inlanders.
De bedoelde schoener was volgens rapport van de kommanderende officier van genoemd stoomschip reeds een wrak, zijnde masteloos en door midden gebroken.
Van de inventaris is slechts een zeer klein gedeelte en van de lading tot dusverre niets kunnen gered worden.
NB. Een latere tijding zegt: De ADRIANA JACOBA is geheel verbrijzeld. Van de inventaris is slechts weinig geborgen.
Nopens het stranden op de 3e augustus van het barkschip JUNO, gezagvoerder Chevalier, komende van Japan, beladen met steenkolen, kamfer en zijde, en geconsigneerd aan de Nederlandsche Handel-Maatschappij te Makassar, kunnen wij thans nog het volgende mededelen: Bij het verlaten van het schip door de equipage, was dit vol water, en alles reddeloos verloren. Slechts een gedeelte van de goederen 2000 kn. was en 500 kn. (zeegewas) zijn door hulp van Makassar en door tussenkomst van de vorstin van Sanraboni gered. De schipbreukelingen zijn per GIRAFFE naar Makassar overgevoerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 augustus. Zr.Ms. schoenerbrik LANCIER is, met de inventaris, in publieke veiling voor NLG 5.500 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 augustus. Het Nederlandse schip LOUIS MEIJER, kapt. Holtgreve, ligt nog steeds in reparatie.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 25 augustus. Het alhier van Shanghai gearriveerde Nederlandse schip TWEE JEANNES, kapt. Van der Windt, heeft gedurende de reis twee typhonen doorgestaan, de eerste op 28º N.B. en 122º O.L. en de tweede op 22º N.B. en 115º O.L. Het schip bekwam daarin veel schade aan de zeilen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau (opm: Ventspils), 9 oktober. In de laatste dagen zijn op deze kust gestrand de alhier thuis behorende bark MINERVA, naar Leith bestemd, het Russische schip CARL GUSTAV, kapt. Vorendick, het Zweedse schip CAROLINE, het te Wisbeach (opm: Wisbech) thuis behorende schip EDMUND PEAR, kapt. Hall, en nog een Nederlands vaartuig (opm: zie NRC 181060).


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag, zullen de ondergetekenden publiek verkopen:
het gestrande Engelse schip DANIEL JEFFRIES, kapitein Jeffries, liggende of niet liggende op het Boompjesrif bij Indramaijoe, zomede de geredde inventaris.
Batavia, 17 oktober 1860 John Pryce & Co


Krant:

  JB - Javabode

Bali. In de nacht van de 23e op de 24e september j.l. is op de hoek van Djambrana gestrand de Engelse brik CORCYRA, gezagvoerder Waleson, komende van Bandoeng (opm: niet te traceren) en naar Singapore bestemd. Nadat het bestuur te Banjoewangi door de gezagvoerder met het voorgevallen ongeluk was bekend gemaakt, werd ter adsistentie gezonden de kruisboot No. 29 en een der loodsboten, ten gevolge waarvan een groot gedeelte der inventaris is kunnen geborgen worden. Van de lading, bestaande uit ruim 3.000 zakken rijst en 250 pikols koffie, heeft men niets kunnen redden. Het wrak ligt nog, waar het is vastgeraakt, en zal door de gezagvoerder aan de meestbiedende verkocht worden.


18 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 15 oktober. Het schip ALIDA GIESEN, kapt. Hoedemaker, heeft op de reis van Noorwegen herwaarts, bijna een geheel stel zeilen verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bath, 15 oktober. Gisternacht is alhier, door de gewoed hebbende storm, op het zogenaamde kerkhof in de grond gestoten, het Belgische schip DE JONGE PIETER JAN, schipper Vereijcken, geladen met tarwe, komende van Antwerpen, met bestemming naar Rotterdam. Men is bezig de lading te bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 15 oktober. Het alhier van Libau (opm: Liepaja) gearriveerde Nederlandse schip ADELAAR, kapt. Pottjewijd, heeft 30 september door een stortzee de deklast verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 16 oktober. Het Nederlandse stoomschip AMSTERDAM, kapt. Pieper, van hier naar Amsterdam, is met schade uit zee terug en hier aan de stad gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wyck auf Fohr, 13 oktober. Van het bij Amrum gestrande Nederlandse schip VERWACHTING, kapt. Gnodde – zie NRC van 11 oktober – is circa de helft van de lading geborgen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mandal, 13 oktober. Het schip UNIE, kapt. Parrel, van St. Petersburg naar Amsterdam, is met schade in een omliggende haven binnengelopen. De lading werd gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pillau (opm: Baltyisk), 11 oktober. Bij Riser Haft (opm: mogelijk Ribacij Höft, tegenover Pillau), ongeveer 3 mijlen uit de wal, ligt een schip gezonken met de achtersteven boven water; men leest daarop in witte letters 18 – JOHANNA - 57.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau (opm: Ventspils), 11 oktober. De 6e dezer is bij het dorp Klein Irben (opm: Lielirbe, 57º37’ N.B. 22º5’ O.L.) gestrand de Nederlandse kof (opm: galjoot) TECLA JOHANNA, kapt. J.H. Kroon, van St. Petersburg met rogge naar Londen (opm: zie NRC 171060). De bemanning is gered. Het schip zit geheel onder water en zal met de lading verloren zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau (opm: Ventspils), 11 oktober. Het kofschip JACOBA, kapt. Luckens (opm: kapt. W.R. Lukens), van St. Petersburg met rogge naar Kiel, is bij het dorp Gebken (opm: Gipka, 57º34’ N.B. 22º40’ O.L.) in de baai van Riga gestrand. Schip en lading zullen totaal verloren zijn. De equipage is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 15 oktober. Kapt. Nieting, voerende het kofschip CATHARINA, heden alhier van Oudsoen binnengekomen, heeft op de reis de deklast verloren, waarbij de stuurman en een matroos overboord gevallen en jammerlijk omgekomen zijn. (opm: zie ook LC 191060)


19 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 oktober. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 6 schepen, als:
Voor Rotterdam: DELFSHAVEN, kapt. C. Schaap, en IDA ELIZABETH, kapt. M. Dooren.
Voor Amsterdam: VRIENDENTROUW, kapt. D. Grevelink; PRINS MAURITZ, kapt. J.J. Bart; CORNELIA GEERTRUIDA, kapt. C.E. Hoeksma, en EENSGEZINDHEID, kapt. J.M. de Waal.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 17 oktober. De Nederlandse (?) bark BENOIT, van Sunderland naar Sevilla, is alhier in averij binnengelopen. Kapitein Leeuwe is gisteravond door een stortzee overboord geslagen en verdronken. (opm: het vraagteken is door de redactie NRC geplaatst; vermoedelijk was dit de eerste reis van de schoener BENOIT onder Nederlandse vlag, onder kapt. T. Leeuwe)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Holstebro, 9 oktober. De bemanning van het bij Harboøre gestrande Nederlandse schip BAREND, kapt. Both – zie NRC van 10 oktober – is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leer, 10 oktober. De alhier thuis behorende schoener CATHARINA, kapt. Doijen, met een lading tarwe van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, is alhier wegens ziekte van de equipage binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 15 oktober. Het op Rügen verongelukte Nederlandse schip – zie NRC van 13 en 17 oktober – is genaamd DERKINA en niet GEORGINA, als vroeger abusief is opgegeven.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 oktober. We moeten de lijst der zee ongelukken, door de jongste stormen veroorzaakt, weder met één aanvullen. Heden kwam alhier, na een hoogst gevaarlijke reis met schade binnen, het kofschip CATHARINA, kapt. J.G. Nieting, met hout van Noorwegen. Behalve de deklast, werden de stuurman en een lichtmatroos over boord geslagen, die beide verdronken en waardoor hier een familie in rouw is gedompeld (opm: zie NRC 181060).


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 oktober. Dagelijks komen hier schepen binnen, voor wier behoud men vreesde. Zo kwam heden weder terug het kofschip DOLPHIJN, kapt. Z. Helmers, met klaphout van Memel (opm: Klaipeda). De 2e dezer naderde het reeds onze kust, toen de storm van die dag het noodzaakte ruime zee te kiezen. Sedert heeft het al de stormen, die er heersten, verduurd en is eerst heden, maar tot grote vreugde van de betrekkingen der schepelingen, met weinig schade binnengelopen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris C.J. Jorritsma te Sneek zal, wat perceel A betreft, ten verzoeke van den heer Ledeboer, notaris te Bolsward, en wat pand B aangaat, ten verzoeke van den heer Mr. P. Feenstra Kuiper, procureur te Sneek, publiek veilen:
-A: Een heren huis.
-B: Een burger huis.
-C: De helft in een Trekschuit en Veer c.a, op Leeuwarden, behorende de weduwe R. Jongstra; aanvaarding dadelijk na de toewijzing.
Wie gading maakt, komt op woensdag 31 oktober a.s, des avond 7 uur, bij Sevensma, in de Stads Herberg te Sneek.
(opm: kavels A en B zijn niet relevant en niet verder opgenomen; LC 061160 meldt dat geboden is op kavel C NLG 799)


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een aandeel in het Veer van Leeuwarden op Sneek (vroeger bekend onder de naam van een half veer), met gelijk aandeel in de thans varende ijzeren barge enz. Te bevragen bij W. Lubberts, logementhouder bij de Gaz-Fabriek alhier.


20 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 9 oktober. Het Nederlandse schip CATHARINA, kapt. G.F. Timmer, van Nerva naar Amsterdam, ten oosten van Kunda gestrand – zie NRC van 11 en 17 oktober – is vlot gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, … september. De Nederlandse schoener-kof BEERTA SCHURINGA is alhier gestrand. (opm: kapt. G.S. Vegter, zie NRC 241060 en 251060)


Krant:

  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 19 oktober. Van het tjalkschip EVADINA GEERTRUIDA, kapt. Lezeman (opm: bouwjaar 1858; kapt. Jan Stoffers Lezeman), met tarwe van Groningen naar Engeland, 28 februari ll. gezien door kapt. B.J. Tromp, voerende het schip TROMP EN DE RUITER, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Naar men verneemt heeft de stoomboot de STAD VLISSINGEN NO. 2 haar dienst moeten staken, dit schijnt een gevolg te zijn van een door een ingenieur van het stoomwezen ingesteld onderzoek naar de toestand van de ketel, waarbij zou bevonden zijn, dat deze niet meer aan alle vereisten voldoet.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Men schrijft uit Schagen van 12 dezer: Gistermiddag te 12 uur is te Petten op het strand gekomen, het kofschip REMKE (opm: RENSKE), kapt. Scherpbier, te Pekela te huis behorende, van Libau (opm: Liepaja) naar Schiedam bestemd, geladen met gerst en haver. Van de equipage bestaande uit 8 personen zijn 6 omgekomen: de kapitein, zijn vrouw en twee kinderen, zijnde een meisje van 8 en een jongetje van 3 jaar, de stuurman en 1 matroos, terwijl 2 matrozen van ’s middags 12 uur tot ’s avonds 8 uur in het want zich vasthoudende, als toen met de reddingboot geassisteerd door een loodsboot, behouden aan het strand zijn gebracht. Hartverscheurend was het van het strand deze schipbreukelingen in levensgevaar te zien, zonder door de hooggaande zeeën, enige redding te kunnen aanbrengen. Drie lijken zijn inmiddels aangespoeld, terwijl er nog drie vermist worden. Van het schip is niets meer te zien, het is geheel uit elkaar en weggeslagen.


Krant:

  JB - Javabode

Soerabaija, 15 oktober. Heden is alhier per post de tijding ontvangen, dat de Engelse brik DANIEL JEFFRIES, kapt. D. Jeffries, van hier vertrokken met bestemming naar Nederland met een lading suiker, in de nabijheid van Indramaijoe op de 7e dezer op een koraalrif gestoten heeft en kort daarna vol water zat. Het bestuur van Indramaijoe het met de meest mogelijke spoed prauwen derwaarts gezonden, ten einde te beproeven, of er nog iets te redden zou zijn. De kapitein met zijn gezin heeft zich in een prauw kunnen redden, en zijn na een etmaal op de plaats aangekomen.


21 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndrecht, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndrecht, zullen op last van hun meester, op dinsdag de 6e november 1860, des middags te 12 uur, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, No. 499, publiek verkopen het extra snelzeilend, in 1854 gebouwde, gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip PER ASPERA AD ASTRA, laatst gevoerd door kapt. J. Admiraal Jz, volgens meetbrief lang 35 el, wijd 6 el 54 duim, hol 4 el 94 duim en alzo groot 503 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers kettingen, touwen, zeilen, en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Haringvliet, binnen deze stad.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 17 oktober. Heden arriveerde alhier met enige schade het schip DOLPHIJN, kapt. Helmers, van Memel (opm: Klaipeda). Reeds de 2e was het op de Nederlandse kust, doch werd door de storm van die dag genoodzaakt weer zee te kiezen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 18 oktober. Het te Veendam thuis behorende schip ELISABETH, kapt. Nepperus, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Nantes, is alhier met verlies van zeilen binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Greenock, 18 oktober. De Nederlandse schoener MARGARETHA HENDRIKA, kapt. T.F. de Jong, die 3 dezer alhier op de bank zonk (opm: zie NRC 061060), is weer boven water en heden alhier in de haven gebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 17 oktober. Het met schade uit zee geretourneerde schip DIRK ARNOLD, kapt. Kayll, van hier naar Singapore bestemd, heeft heden na geëindigde reparatie de reis opnieuw aanvaard. (opm: het schip was op 28 september lek uit zee teruggekeerd; de eerste reis, zonder naamswijziging, voor de Engelse eigenaar Rayll)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 19 oktober. Het Nederlandse fregat ZEEPLOEG, kapt. Kramer, van Riga naar Kaap de Goede Hoop, is alhier lek binnengelopen en zal naar Kopenhagen gaan om aldaar in het dok te timmeren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 14 oktober. Het alhier van Rotterdam gearriveerde Nederlandse schip (opm: schoener) ZWALUW, kapt. E.R. Schut, heeft in een storm op 10 dezer enige zeilen en tuig verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Konstantinopel (opm: Istanbul), 10 oktober. Het schip MINA, kapt. Boonstra, van de Donau naar Falmouth, is alhier met 3 voet water in het ruim en met verstopte pompen binnengelopen. Eén man van de equipage was overleden en de overigen bijna allen ziek.


22 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 22 september. De 15e dezer is Zr.Ms. brik ZEEHOND, commandant kapt.luit.t.zee F.A. Gregory, naar Nederland vertrokken.


23 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Voor het transport van Newcastle naar Soerabaija van ongeveer 500.000 Nederlandse pond smeedkolen, 100.000 Nederlandse pond cokes, 4 ijzeren assen, gewicht 7 ton, en nog 3 ton andere koopmansgoederen is dezer dagen door de Nederlandsche Handel-Maatschappij aangenomen het schip STAD ZIERIKZEE, kapt. J.J. Klein, tot een vracht van NLG 17.850. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn mede onderscheidene schepen aangenomen tot een vracht van beneden NLG 50 voor de overvoer van steenkolen naar Onrust en Soerabaija.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 20 oktober. Volgens ontvangen bericht is het alhier te huis behorend schip VROUW ALIDA, kapt. v.d. Werf (opm: tjalk, bouwjaar 1849; kapt. Ipe Jans van der Warf), van Newcastle naar Tonningen (opm: Tönning), in de storm van de 3e dezer op Doggersbank verongelukt. Van het volk was alleen de kok gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Enkhuizen, 20 oktober. Gisteren avond is alhier bij het binnenkomen in de haven lek geworden het schip ELTIENA, kapt. Dost, geladen met thee en cement, bestemd naar Emden. Hij moet lossen om te repareren.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder J.J. van Noord te Bolsward zal op donderdag de 1e november a.s, des namiddags ten 3 ure, publiek bij boelgoed, á contant, verkopen: een hecht sterk en overdekt Schuit of Snikschip, met roef en complete inventaris, groot 5 á 6 ton.
Gegadigden vervoegen zich op voorgezegde dag ten huize van de kastelein S.P. van der Weij, buiten de Blaauwpoort te Bolsward, alwaar twee dagen bevorens dit schip te bezichtigen is.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Praamschuit, genaamd de VROUW MARGIS, groot 58 ton, met zeil en treil, staand en lopend want; laatst bevaren door Tjerk Mantel.
Te bevragen met franco brieven bij C. Mantel Jbz. te Enkhuizen.


24 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Noordwijk, 21 oktober. Heden is alhier gestrand een door het volk verlaten schip, genaamd ANNA, geladen met hout. (opm: zie NRC 311060)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 21 oktober. De van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met een lading lijnzaad naar Harlingen bestemde Nederlandse kof MARIANNE, kapt. Vlas, is hier zwaar lek binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Flekkefjord, 6 oktober.De Nederlandse kof HARMONIE, kapt. H.J. Zegelken, van Schiedam naar Fredrikstad bestemd, is in de nacht van de 4e dezer bij Rasvaag (opm: Rasvåg) op Hitterö van de ankers gedreven en gezonken. Het volk is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 22 oktober. Het Nederlandse schip (opm: kof) DE BEURS VAN GRONINGEN, kapt. A.H. Puister, van Newcastle naar Helsingborg, is bij de Kohl (opm: Kaap Col, 56º17’48” N.B. 12º27’16” O.L.) gezonken. De bemanning is gered en alhier aangekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 11 september. De Nederlandse schepen BEERTA SCHURINGA, kapt. Vegter (opm: kof, kapt. G.S. Vegter), en SNIP, kapt. Strijbos (opm: schoener, kapt. L. Strijbos), respectievelijk alhier van Altona en Hamburg gearriveerd, zijn in een alhier op 29 en 30 augustus gewoed hebbende storm van de ankers geslagen en op strand gedreven.


25 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 11 september. Men vreest dat de schepen BEERTA SCHURINGA en SNIP, die hier gestrand zijn – zie NRC van gisteren – weg zullen zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 oktober. Het schip (opm: kof) FROUKE DENEKAMP, kapt. H.K. Heins, van Christiaansand (opm: Kristiansand) naar Oldenburg, is, volgens bericht van Thisted van 21 oktober, de vorige dag bij Wunst (opm: mogelijk bij Vust, 57º8’ N.B. 9º5’ O.L.) gestrand, doch het volk gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 22 oktober. Het te Zwolle te huis behorende kofschip JANSJE, kapt. Pik, van Fredrikstad naar Zwolle, is j.l. zaterdag in het Oude Vlie van de ankers geslagen en op strand geraakt. Men heeft van hier adsistentie tot het lossen van de lading afgezonden en hoopt het schip weder af te brengen. (opm: zie NRC 171060, 011160 en LC 201160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 22 oktober. Het te Hoogezand thuis behorende schip (opm: kof) FROUKE EGBERDINA, kapt. G.J. Lukje, van St. Petersburg met rogge op hier bestemd, is in de Golf van Finland gezonken. De bemanning is gered en hier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Johns, 8 oktober. Het schip CAROLINA SCHENK, kapt. Bond (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Pernambucq naar St. Johns is bij Petty Harbour gebleven.


26 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wijck (opm: Wijck auf Föhr), 22 oktober. De lading uit het alhier gestrande schip VERWACHTING (opm: zie NRC 111060), kapt. Gnodde, is geborgen in zo verre als zij niet uit het schip gespoeld is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin, 23 oktober. De stoomboot JONGE PAUL, van hier naar Amsterdam bestemd, is alhier in de nabijheid gestrand. Er is assistentie bij en men hoopt het schip, dat weinig geleden heeft, heden vlot te brengen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjørring, 24 oktober. De Nederlandse kof HENDRIKA, kapt. J.G. Engelsman, van Newcastle met stukgoed naar Dantzig (opm: Gdansk), is gisteren bij Tornby (opm: 57º33’ N.B. 9º54’ O.L.) gestrand. Het volk is gered, maar het schip is wrak.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 23 oktober. Het schip VALIANT, kapt. K. Stoker, naar het Nieuwe Diep bestemd, is laatstleden donderdag (opm: 18 oktober) bij de Humber gezonken, en al het volk behalve een jongen daarbij omgekomen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Huur, Verhuur en Commissie Kantoor, van D. Buisman te Leeuwarden, Speelmanstraat no. 74. Brieven franco.
Uit de hand te koop: een in 1855 nieuw gebouwd en in beste staat van onderhoud zich bevindend Veerschip, met deszelfs complete inventaris, met Veer, varende van ene aanmerkelijke plaats op Sneek en Leeuwarden. Waaraan tevens nog aanzienlijke voordelen zijn verbonden. Informatie aan boven gemeld adres.


27 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 oktober. Gisteren is te Hellevoetsluis buiten dienst gesteld Zr.Ms. schroefstoomschip MONTRADO.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Een particulier schrijven uit Macasser, per laatste mail ontvangen, meldt in substantie het volgende:
Bij Topi Tjawa is voor enige dagen een groot Nederlands schip, de JUNO, kapt. Chevalier, van de firma Sandberg & Co te Dordrecht, vergaan (opm: zie JB 220860). Het had een lading steenkolen, Japanse was, agar en lakwerk voor de Factorij in. Het schip is totaal verloren, doch de bemanning, benevens een gedeelte van de lading, dat door de agent van de Factorij in bezit genomen is, gered. Het wrak werd door de havenmeester verkocht.
Kapt. Chevalier klaagde zeer over het hoger bestuur. De oorlogsstoomboot CITADEL VAN ANTWERPEN bevond zich te Takaloe. De JUNO liep in het gezicht van de boot, evenwel niet geheel in de nabijheid van dezelve, op strand, kreeg op de eerste dag geen hulp en op de tweede een barkas met vijftien man!
Op de derde dag werden dezelve teruggeroepen en kapt. Chevalier aan boord van de CITADEL ontboden. Daar vroeg men hem of het zeker was dat het schip vlot zoude geraken, indien de stoomboot beproefde hetzelve van het strand af te slepen? Kapt. Chevalier antwoordde, dat hij dit niet zeker kon zeggen, maar dat hij het bepaald geloofde, waarop hem te kennen werd gegeven, dat dan de stoomboot haar reis ook niet kon uitstellen. De stoomboot vertrok daarop naar Bonthain en liet de JUNO zitten, die daarop vergaan is.
Kapt. Chevalier heeft dit in zijn verklaring opgenomen, en wij veronderstellen dat de assuradeurs in Holland er niet lekker over zullen zijn. Hier is men er niet tevreden over en meent, dat door het hoger bestuur maar al te dikwerf uit het oog wordt verloren, dat de roeping van de Nederlandse marine ook wel degelijk is, om de belangen van de Nederlandse onderdanen in het algemeen, en die van de handel in het bijzonder te beschermen. Men meent dat daaraan dikwerf te kort gedaan wordt.
Toen op Kanagawa (opm: haven nabij Tokyo) in Japan twee Nederlanders vermoord zijn, was er geen oorlogsschip, waar men veronderstelt dat het veel doelmatiger had kunnen worden benuttigd, dan b.v. aan de Syrische kust. Een geruime tijd daarna kwam de GRONINGEN te Kanagawa aanzetten welk schip zich toch in de Japanse Zee bevond, en men heeft er verder niets van vernomen.
Daar althans moest zich immer een oorlogsschip bevinden en men tenminste vernemen, wat er vanwege onze regering gedaan is ter onderzoek en bestraffing van deze euveldaad.
Er zijn bovendien nog meer koloniën, ook in andere werelddelen, die ten deze door het bestuur van onze marine stiefmoederlijk behandeld en zelden of nooit bezocht worden door de Nederlandse oorlogsschepen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 24 oktober. Het schip GEBBIENA, kapt. Wortel (opm: mogelijk kof GEPBIENA, kapt. H.J. Wortel), van Schotland naar Antwerpen, is alhier zwaar lek en met meer andere schade binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin (opm: Szczecin) , 23 oktober. Het stoomschip JONGE PAUL, van hier naar Amsterdam, bij Stepenitz aan de grond vastgeraakt – zie NRC van gisteren – is weer in vlot water gekomen. (red: sedert de 25e oktober Kopenhagen gepasseerd).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand (opm: Kristiansand), 20 oktober. De Nederlandse kof ST. NICOLAAS, kapt. Dijk, van Lybster naar de Oostzee, 14 oktober te Mandal binnengelopen, heeft zware schade bekomen en zal de lading haring moeten lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 22 oktober. Het schip ZEEPLOEG, kapt. Kramer, van Riga naar de Kaap de Goede Hoop, is heden van Elseneur (opm: Helsingör) alhier in de haven gekomen, om de lading of een gedeelte daarvan te lossen en in het dok te gaan om te repareren, zijnde lek.


Krant:

  JB - Javabode

Cheribon (opm: Cirebon). Het Engelse barkschip DANIEL JEFFRIES, gezagvoerder Daniel Jeffries, komende van Passaroean via Soerabaija en beladen met 4.600 pikol suiker, bestemd voor Glasgow, is op de 8e oktober, ’s nachts te 12 uur, op het middelste rif van de Boompjes Eilanden gestrand. Langzamerhand liep het vaartuig vol water, zodat de kapitein, met zijn vrouw en drie kinderen en zijn equipage, de daarop volgende dag ’s middags te 5 uur het hebben moeten verlaten, zich inschepende in drie boten, slechts de meest noodzakelijke kledingstukken meenemend. Een boot met de gezagvoerder, diens familie en drie matrozen, is op de 10e oktober ’s middags te 4 uur te Indramajoe aangekomen en de twee overige vaartuigen in de late namiddag van de volgende dag. In de avond van de 10e oktober zijn enige prauwen met koelies, onder medegeleide van de matrozen, die met de gezagvoerder waren aangekomen, naar de plaats van het ongeluk vertrokken, ten einde te trachten zo veel mogelijk nog een en ander van schip of lading te redden; die matrozen en prauwen zijn echter de 12e oktober ’s avonds weder gekeerd, de tijding meebrengend, dat in weerwil van de meest nauwkeurige onderzoekingen er niet het minste meer van het schip te zien was; volgens gissing zou het van de klippen gezakt en in de diepte van de zee verdwenen zijn. Aan gemelde gezagvoerder met zijn familie en de equipage zijn alle mogelijke hulp en bijstand in hun nooddruftige omstandigheden verleend. De ter rede van Cheribon liggende kruisboot NO. 37 is mede onmiddellijk na het vernemen van de stranding tot het verlenen van hulp afgezonden.


31 oktober 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 oktober. Het bij Noordwijk gestrande, bevorens door het volk verlaten, schip ANNA is gebleken te zijn de Pruissische brik ANNA, kapt. Hoffstedt, van Archangel naar Londen. De lading planken is gelost.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 26 oktober. Het schip (opm: tjalk) JONGE NOACH, kapt. T.C. de Cock, van Hamburg naar België, is alhier met schade binnengelopen en moet lossen om te repareren (opm: vergelijk NRC 020960 en 031160).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 29 oktober. Het Nederlandse schip ANNEGINA HERMINA, kapt. Stuitvoet (opm: kof ANNECHINA HARMINA, kapt. J.P. Stutvoet), is hier eergisteren met schade binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjørring, 22 oktober. De bij Tornby gestrande Nederlandse kof HENDRIKA, kapt. J.G. Engelsman – zie NRC van 26 dezer – zit vol water en er is weinig kans, dat iets van de lading zal geborgen worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 1 oktober. Met het Nederlandse schip KONING EN VADERLAND, kapt. van Brugge (opm: bark, kapt. B.A.T. van Bruggen), is 9 september alhier aangebracht, kapt. Smith en nog 9 man van de equipage van het Amerikaanse schip OLIVER PUTNAM, welke bodem de 26e juli op 36º Z.B. en 50º O.L. in zinkende staat door de equipage in drie boten verlaten werd. Deze boten waren echter van elkander verwijderd geraakt en één daarvan werd 6 augustus door de KONING EN VADERLAND opgemerkt, die de bovengenoemde schipbreukelingen daaruit opnam.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaar, F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hun meesters, zijn van mening, op dinsdag de 13e november 1860, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het snelzeilend Nederlands gekoperd en kopervast barkschip BEURS VAN ROTTERDAM, gevoerd door kapt. F. de Vos, volgens meetbrief lang 35 el 20 duim, wijd 6 el 81 duim, hol 5 el 11 duim en alzo groot 544 tonnen of 288 lasten, met als deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Zalmhaven te Rotterdam.
Het schip is onlangs gerepareerd en opnieuw met metaal gedubbeld en is in maart 1858 het laatst voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij teruggekomen.
Voorts zullen nog afzonderlijk worden geveild een chronometer, kaarten, enz.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op een nader te bepalen dag, in de tweede helft van de maand november 1860, zullen de ondergetekenden publiek verkopen, voor rekening van belanghebbenden het Nederlands schip (opm: fregat, afgekeurd, zie NRC 161260) BIESBOSCH, groot 501 lasten, met complete inventaris. De waarloze inventaris goederen zullen afzonderlijk worden verkocht.
John Price & Co


01 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 oktober. Heden namiddag is te Hellevoetsluis gearriveerd Zr.Ms. brik ZEEHOND, commandant kapt.luit.t.zee F.A.A. Gregory, komende uit de West-Indiën.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 29 oktober. Heden is alhier in publieke veiling verkocht het wrak van het op 22 dezer in ’t Oude Vlie gestrande en later afgekeurde kofschip JANSJE, kapt. Pik. Het heeft NLG 9,70 opgebracht. (opm: zie NRC 171060, 251060 en LC 201160; de kapitein was vermoedelijk niet A. Pik maar J.S. Pik)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mandal, 16 oktober. De te Wildervank te huis behorende kof UNIE, kapt. Garrel (opm: galjoot UNIE, kapt. K.J. Parrel), met tarwe van St. Petersburg naar Amsterdam, is alhier met schade binnengelopen en moet lossen om te repareren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 27 oktober. Het Nederlandse brigantijnschip AGATHA, kapt. Zeilinga, heden van Hamburg alhier gearriveerd, heeft door stormweder schade aan de lading bekomen.


02 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 november. In de namiddag van de 31e oktober is op ’s Rijks werf te Amsterdam met het beste gevolg te water gelaten het aldaar in aanbouw zijnde schroefstoomschip der 2e klasse DJAMBI.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. Het schip (opm: brik) JOSEPHINE, kapt. J. Hofker, van hier te Suriname aangekomen, heeft op de reis veel tegenwind en stormen doorgestaan, en hadden daardoor zeilen en tuigage veel geleden, terwijl op de hoogte van Lissabon in een hevige storm het brikzeil was verloren geraakt; overigens was aan boord alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. Het schip JONGE EDUARD, kapt. Sikkens, van hier naar Suriname, heeft, volgens telegram van Deal, op de Goodwin Sands aan de grond gezeten, doch was met assistentie weer in vlot water gebracht. Het had ogenschijnlijk geen schade bekomen, en zou met gunstige wind de reis voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop,19 september. Het niet verkochte gedeelte der lading van het aldaar afgekeurde schip ADMIRAAL DE RUYTER, kapt. de Witt, van Pasaroeang naar Amsterdam, is met het schip WITCH OF THE SEAS naar Londen verscheept, om van daar naar Amsterdam te worden verladen.


03 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 27 oktober. Heden is alhier lek binnengebracht, na op de Meeuwenstaart (opm: plaat in de Eems t.h.v. Borkum) gestoten te hebben, het schip JONGE NOACH, kapt. de Cock, van Hamburg naar Antwerpen.


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 2 november. De dienst tussen Vlissingen en Rotterdam met de stoomboot STAD VLISSINGEN NO. 2, zal op de 3e november a.s. worden hervat.


04 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 november. De zeildag van Zr.Ms. stoomschip HAARLEMMERMEER, liggende te Nieuwediep, is vastgesteld op de 10e dezer, terwijl het stoomschip CORNELIS DIRKS, liggende te Hellevoetsluis, mede alsdan naar West-Indië vertrekt.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 december. Vrachten. Sedert de laatste berichten hebben de volgende bevrachtingen plaats gehad: HENRIETTE EN GEERTRUIDE naar Amsterdam à NLG 70 per last voor suiker en koffij, NLG 90 voor indigo en NLG 80 voor lichte goederen te Samarang te laden. HOLLAND naar Amsterdam tot NLG 70 voor koffij en suiker, te Soerabaja en alhier te laden. JOSEPH LOUISE bekwam 4.000 picols suiker à NLG 70 hier te laden en 5.000 picols koffij à NLG 85, en NLG 90 voor lichte goederen te Padang in te nemen naar Amsterdam. TJIELENGSIE NLG 70 voor suiker, NLG 65 voor koffij en NLG 80 voor lichte goederen alhier te laden naar Amsterdam. JACOB EN CHRISTINA werd naar Amsterdam gecharterd tot NLG 80 voor suiker te Tagal te laden, NLG 100 voor arak en NLG 65 voor rijst alhier te laden. HELLEVOETSLUIS bekwam NLG 67,50 per last voor 10.000 picols rijst naar Rotterdam. ELECTRA NLG 100 voor arak, NLG 90 voor peper en NLG 80 voor huiden, NLG 72,50 à 75 voor suiker en NLG 70 voor tabak, verder van de Factorij NLG 30 voor tin en NLG 70 voor Japanse goederen naar Amsterdam. AZIA NLG 75 voor suiker, NLG 70 voor rijst en NLG 80 voor lichte goederen te Cheribon te laden naar Amsterdam. ZWALUW (Nederland) werd naar Japan gecharterd (condities zijn geheim gehouden). LOUIS MEIJER werd opgenomen voor NLG 10.000 naar Banca en terug voor rijst te Indramajoe en Tagal te laden. ELEANOR bekwam te Soerabaja 40 cts van de dollar voor rijst per picol naar Hongkong en 70 cts van de dollar ingeval naar Shanghai. IDA MARIA DE RAADT werd door de Factorij gecharterd à NLG 6.000 om op de kust naar Melbourne vol te laden en terug à 75 cents van de dollar per picol kolen van Newcastle naar Java. MARIA ANNA NLG 75 voor suiker en koffij en NLG 70 voor thee te Samarang en Cheribon te laden voor Rotterdam. BREDERODE NLG 75 voor suiker NLG 90 voor huiden te Soerabaja te laden naar Rotterdam. WATERGEUS doet een reis naar Banca en terug voor NLG 10.000.
De volgende schepen zijn nog disponibel: MARIA ELISA, AMAZONE, JOHANNA MARIA (opm: kapt. L.J. Wilhelmie), JACOB en ANNA.


05 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 1 november. De Nederlandse kof ELISABETH, kapt. Mandtjes, van Newcastle naar hier bestemd, is in de nacht van 30 op 31 oktober bij Weddewarden gestrand. Men heeft reeds een gedeelte der lading gelost, maar het schip zat heden nog vast.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 29 oktober. Aangaande de op 4 dezer alhier gestrande schepen MEISKINA, kapt. Harkema (opm: tjalk, kapt. B.J. Harkema; zie ook NRC 101060) en FROUKE DENNEKAMP, kapt. Heins(opm: zie NRC 251060), kunnen wij mededelen, dat beide schepen wrak, doch dat de inventarissen en ladingen grotendeels geborgen zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Santos, 4 oktober. Het Nederlandse schip JOAN, kapt. Fijn (opm: brik, kapt. A. Rink Fijn), van Rio Janeiro naar Antwerpen, is alhier wegens sterfte en ziekte onder de equipage binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. Het Nederlandse schip CATHARINA GEERTRUIDA, kapt. Mos van Sunderland naar Hongkong, de 15e juli alhier met schade binnengelopen, heeft eergisteren de reis na geëindigde reparatie, voortgezet.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 6 september. Het alhier afgekeurde Nederlandse schip JAVA (opm: zie JB 040260) is met de inventaris voor NLG 13.800 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 13 augustus. Het wrak van het in deze nabijheid verongelukte schip ADRIANA JACOBA, kapt. Detmers (opm: zie JB 220860), is in publieke veiling voor NLG 1.500 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. Het Nederlandse schip (opm: brik) RHIJNVIS FEITH, kapt. A.F. Lammerts, 21 augustus alhier van Londen gearriveerd, zal spoedig zijn reis naar St. Davids-Eiland voortzetten.


07 november 1860


Krant:
  JB - Javabode

Advertentie. NLG 25.000 benodigd zijnde voor de reparaties aan het Nederlandse brikschip RHIJNVIS FEITH, gezagvoerder A.F. Lammerts, zo worden gegadigden uitgenodigd, om vóór of op de 9e november eerstkomende inschrijvingsbiljetten op wissels door de gezagvoerder op zijn reders af te geven, ten kantore van de notaris mr. A.M. Meertens te Batavia in te dienen. Mochten geen voldoende biljetten inkomen, alsdan zal ten zelfden kantore tot de 10e november eerstkomende, des voormiddags te 11 uur worden ingeschreven voor de nodige gelden op bodemerij, zullende schip en vracht ten behoeve van de bodemerij-gever kunnen worden verbonden.
Nadere informatiën bij de heren Maclaine, Watson & Co en bij A.M. Meertens.
Batavia, 3 november 1860.


08 november 1860


Krant:
 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 5 november. De Shipping and Mercantile Gazette van de 3e dezer bevat de mededeling, dat genoemd blad nog nooit een lijst van zeerampen heeft gehad, zo als die van dinsdag laatstleden, waarin meer dan 300 staan vermeld, grotendeels veroorzaakt door de laatstelijk gewoed hebbende stormen. Bij Lloyds werden op één dag 130 verongelukte schepen geboekt. Ooggetuigen verhalen, dat er ongeveer 50 à 60 schepen op de hoogte van Grimsby gebleven zijn. Gedurende zes uren woedde er een allervreselijkste storm, die vergezeld ging van een zware slagregen en hagel. Het strand leverde de volgende morgen een akelig schouwspel op, daar er vele aangespoelde lijken en wrakken over het strand verspreid lagen. Er was geen mogelijkheid om hulp te bieden, daar de reddingsboten zich niet in zee konden begeven.


09 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 5 november. De lading uit het schip ANNA CATHARINA, kapt. Matzen, van de Algoa Baai naar Rotterdam, lek te Cuxhaven binnengelopen, zal in de schepen GEERTRUIDA, kapt. Rasker, en FOKKIENA EMMAGIENA, kapt. Folkerts, overgeladen worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld en J.R. Bos Janszen, makelaars, zullen op maandag de 3e december 1860 des avonds ten zes ure te Amsterdam, in de Nieuwe Stadsherberg, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd en kopervast tweedeks barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: ARDJOENO, gevoerd door kapt. J.F. A. Rapp, volgens meetbrief lang 34 ellen 70 duimen, wijd 6 ellen 64 duimen, hol 5 ellen 39 duimen, en alzo gemeten op 552 tonnen of 292 lasten. Liggende in het Oosterdok aan de dijk.
Benevens 1/40 aandeel in het gekoperd fregatschip DOCTRINA ET AMICITIA, gevoerd door kapt. J.C. Strootman, groot 696 tonnen of 368 lasten. Liggende alhier varende onder directie van de heren A.L. van Harpen en Zoon.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors d'Arnaud en Co en Floris der Kinderen en Zoon.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal, ten verzoeke van Jonkheer van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe door heren assuradeurs en eigenaren geautoriseerd, bij boelgoed tegen gereed geld, verkopen:
886 stukken Memels klaphout, afkomstig van de lading van het verongelukte kofschip HELENA, kapitein N.L. van der Wal (opm: zie ook LC 220161).
Wie gading maken, komt op dinsdag de 20e november 1860, des morgens precies 9 ure, bij het Pakhuis te Nes, ten 12 ure te Ballum en ten 2 ure te Hollum. De 19e vertrekt het postschip van Holwerd naar Ameland des namiddags één uur. (opm: zie ook LC 121060)


10 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 november. De Mecklenburger schoener HENRIETTE HANMANN, kapt. P.H. Fretwurst, van Riga met hout herwaarts gedestineerd, is de 7e dezer bij ’t Vlie gestrand, vol water gelopen en zal niet afgebracht kunnen worden. Men is bezig de lading en de inventaris te bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 29 september. Het Nederlandse schip JAN VAN BRAKEL, kapt. Verhey, van de Wijnkopersbaai naar Rotterdam, is hier de 24e dezer binnengelopen om een lek te stoppen.


11 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 oktober. Het schip JAN VAN BRAKEL, alhier lek binnengelopen – zie NRC van gisteren – is bezig de lading te lossen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 november. In de morgen van de 10e dezer zijn van de rede van Texel naar zee vertrokken Zr.Ms. schroefstoomschip RETEH onder bevel van de luit.t.zee 1e klasse Jhr. H.P. de Kock, en Zr.Ms. schroefstoom-flottillevaartuig HAARLEMMERMEER onder bevel van de luit.t.zee 1e klasse P. Koning, beide met bestemming naar Oost-Indië.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 november. Volgens bericht uit Gibraltar, waren van de stoomboot RHÔNE, kapt. Wilkens, 28 oktober van Rotterdam aldaar aangekomen, op die reis overboord geworpen van de op het dek geladen goederen, 55 balen tabak, 41 kisten kaas en 25 pakken huiden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Calmar (opm: Kalmar), 8 november. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) MARGINA BENTUM, kapt. Sap, is gisteren bij Borgholm (opm: 56º52’55” N.B. 13º39’30” O.L.) aan de grond geraakt, doch is, met een zwaar lek, weer vlot gekomen en hier binnengebracht om te lossen en te repareren.


12 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 november. Volgens bericht van Mauritius, aan assuradeurs medegedeeld, was de schade aan het schip JAN VAN BRAKEL onbeduidend. Slechts 70 ton goederen waren gelost, het lek aan de steven hersteld en de kosten zouden niet veel bedragen, omdat het schip noch in het dok noch op de sleephelling behoefde te halen. In de eerste helft van oktober zou de JAN VAN BRAKEL de reis naar hier voortzetten.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 10 november. Naar men alhier verneemt, is het Amerikaanse schip AFRICA, kapt. Jordan, van Cardiff naar Shanghai, in de straat Gaspar (opm: Gaspar Straat, tussen Pulau Liat en Pulau Mendanau, 2º45’ Z.B. 107º15’ O.L.) gestrand en aldaar door rovers uitgeplunderd en verbrand.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newport, 9 november. Het alhier van Amsterdam gearriveerde schip RUBENS, kapt Soltenhorn, heeft ten gevolge van aanzeiling een gedeelte van de verschansing en stutten verloren.

NRC 121160
Hull, 9 november. Het schip JUPITER (opm: buitenlander), van Riga op hier bestemd, is 24 oktober bij Flekkeroy (opm: 58º4’ N.B. 8º0’ O.L.) gezonken.


14 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 september. Vrachten. Deze bleven zich flink soutineren (opm: handhaven), zijnde de vraag zeer levendig en beschikbare scheepsruimte schaars. Sedert het vertrek van de jongste mail hadden de volgende bevrachtingen plaats:
Nederlands OTTO (706 ton) NLG 70 per last voor rijst en koffij NLG 72,50 voor suiker en NLG 80 voor huiden te Pamanoekan en Samarang te laden naar Rotterdam.
De Nederlanse schepen MARIA ANNA en DE ZWAAN zijn door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 75 voor suiker en koffij, de eerste te Cheribon en Samarang te laden naar Rotterdam, de laatste te Samarang en Pecalongan te laden naar Amsterdam. Nederlands BREDERODE (589 ton) NLG 75 voor suiker en NLG 90 voor huiden, te Soerabaja te laden naar Rotterdam. Nederlands WATERGEUS (680 ton) verkreeg NLG 10.000 ineens voor rijst naar Banka en met tin terug. Nederlands THEODORA MACHTILDA (805 ton) NLG 75 voor suiker en NLG 70 voor koffij hier te laden, naar Amsterdam. Nederlands NOACH (892 ton) laadt gedeeltelijk voor eigen rekening en gedeeltelijk op vracht NLG 75 voor suiker te Samarang en alhier te laden naar Rotterdam.
De Nederlandse AMAZONE is in reparatie. Nederlands JACQUELINE EN ELISE en DRIE GEBROEDERS maken kustreizen.
Onbevracht zijn de navolgende Nederlandse schepen: AMAZONE, MARIA ELISE, WILHELMINA, ACADIA, JOAN en HENRIETTE.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 november. Gisteren is te Nieuwediep van ’s Rijks werf te Amsterdam aangekomen de drijvende batterij SALAMANDER, vroeger korvet, om verder in orde te worden gebracht. Er liggen daar thans drie van die drijvende batterijen, waarvan twee vroegere linieschepen, die bijna gereed zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Het schip ANNA, kapt. Jacobsen (opm: buitenlander), van Riga herwaarts gedestineerd, is de 23e oktober lek en met verlies van deklast te Frederiksvaerk binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 30 oktober. Het alhier van Newcastle gearriveerde Nederlandse schip (opm: brik) WILDEMAN, kapt. A.J. Driest, heeft gedurende de reis kluiverboom en spil gebroken en nog enige andere schade bekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 september. De Nederlandse bark (opm: fregat) BIESBOSCH, kapt. J.H. Mugge, 21 dezer alhier van Passaroeang aangekomen, is lek (opm: zie JB 311060 en NRC 161260).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 24 september. Het Nederlandse schip DERKINA TITIA, gevoerd door kapt. Evink (opm: P. Esink, zie o.a. JB 290960), van Macao naar hier bestemd, is 17 dezer op het rif van het Arends Eiland totaal vergaan. Alle opvarenden zijn gered en behouden te Soerabaja aangekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 september. De Nederlandse schepen DRIE GEBROEDERS, kapt. Kramer; HOLLANDS TROUW, kapt. Keuker en JACOBA CORNELIA, kapt. Rosenboom, zijn nog steeds als transportschepen in dienst van de Engelse marine. Allen zijn op de Noordkust gestationeerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 september. Met het Nederlandse fregatschip EVA JOHANNA, kapt. S. van Bochove, is alhier aangebracht een gedeelte van de bemanning van het Engelse schip AFRICA, kapt. Jordan, van Cardiff met een lading kolen naar Shanghai bestemd, welke bodem 4 september in de Straat Macclesfield (opm: zeestraat tussen Pulau Lepar en Pulau Liat, 2º45’ Z.B. 106º57’ O.L.) gestrand en wrak geworden is. Op het ogenblik van de stranding bevonden zich in de nabijheid de Nederlandse schepen EVA JOHANNA, kapt. Van Bochove, van Batavia naar hier en HENDRIKA (opm: bark), kapt. W. van Aalborg, van Newport naar Singapore bestemd. Deze beide schepen zijn twee dagen bij de AFRICA gebleven teneinde de equipage te assisteren om het schip vlot te krijgen; maar alhoewel men 300 ton kolen overboord wierp, mocht het niet gelukken het schip in vlot water te brengen. De AFRICA werd alstoen verlaten en de equipage werd gedeeltelijk op de HENDRIKA en gedeeltelijk op de EVA JOHANNA overgenomen en daarmee respectievelijk naar Singapore en hier gebracht. (opm: zie ook NRC 151160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 27 september. Het alhier van Sunderland gearriveerde Nederlandse barkschip COLUMBINE, kapt. Malbrane, heeft op de reis veel slecht weer ondervonden. Het schip was 14 dagen op de hoogte van onze haven, doch werd door hevige N.O. wind en zware stroom verhinderd binnen te komen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare aanbesteding bij inschrijving aan 's Rijks werf te Hellevoetsluis, op woensdag de 28e november 1860, des middags ten 12 ure. Voor de daarstelling van zeven ijzeren overdekkingskappen, over drie stoomflottielje- en vier verdedigings-vaartuigen; alsmede het maken van een kap, over één stoomflottielje-vaartuig, waartoe de ijzeren platen gedeeltelijk van wege de marine zullen verstrekt worden, alles volgens tekening, bestek en voorwaarden, welke ter inzage en lezing liggen, bij het Departement van Marine te 's Gravenhage, directies van de marine te Amsterdam en Vlissingen, kantoor van aanneming te Rotterdam en bij de hoofd-ingenieur van voormelde werf, bij wie tevens vanaf heden alle verdere inlichtingen, in persoon, doch niet bij geschriften, kunnen verkregen worden.
De inschrijvingsbiljetten zullen behoorlijk gesloten op zegel, met vermelding van de aannemingssom in schrijfletters en de namen van de borgen, uiterlijk op bovengemelde dag en uur ter Secretarie van 's Rijks werf te Hellevoetsluis behoren ingeleverd te worden, wordende na die tijd geen meer aangenomen.
Hellevoetsluis, 10 november 1860 De directeur en commandant van de marine,
B.G. Escher


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Corver, H.J. Rietveld, P.F.A. Luytjes en J.R. Bos Janszen, makelaars, zullen op maandag de 26e november 1860, des avonds ten zes ure te Amsterdam, in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris.W.P.C. Fabius, verkopen:
- Een extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CORNELIA, gebouwd te Harlingen in het jaar 1857, gevoerd door kapt. H.P. Hazewinkel Muntendam, zijnde gemeld schip in de registers van de Nederlandsche Handel-Maatschappij ingeschreven. Volgens meetbrief lang 30 ellen 98 duimen, wijd 5 ellen 43 duimen, hol 3 ellen 95 duimen, en alzo gemeten op 295 tonnen of 156 lasten. Liggende aan de werf Hollandia aan het einde van de grote Wittenburgerstraat.
- 1/16 Aandeel in het Nederlandse brikschip ZEENYMPH, kapt. F. Schipper; groot 240 tonnen. Liggende alhier, met bestemming naar Samarang en zijnde terug bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij. Varende onder directie van de heren C.A. Schröder en A.F. Schröder Jr, alhier.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Van den Beij & Co.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 13 november:
- Nederlands barkschip BEURS VAN ROTTERDAM, groot 288 lasten: om NLG 13.550 verkocht.


Krant:

  JB - Javabode

Advertentie. De voor de vendutie van 5 december a.s. geannonceerde verkoop van het Nederlandse schip JAN PIETERSZOON KOEN zal geen voortgang vinden.
De agenten Haager & Schuurman
(opm: uit de hand verkocht, naam behouden, en op 27 november onder dezelfde naam, nu kapt. A.A. de Jong, van Batavia naar Soerabaija vertrokken)


15 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 november. Betreffende de schipbreuk van het schip AFRICA – zie NRC van gisteren –wordt door kapt. Van Aalburg, voerende het schip HENDRIKA, van Rotterdam, uit Singapore nog het volgende gemeld:
Van Anjer naar Singapore zeilende heb ik met kapt. Van Bochove, van het schip EVA JOHANNA, de equipage gered van het schip AFRICA, van Cardiff bestemd naar Woosung (opm: Wusong, 31º24’ N.B. 121º32’ O.L.). Alvorens het schip te verlaten, in de nabijheid waarvan een menigte zeerovers-praauwen zich bevonden, is het schip in brand gestoken; de rovers achtervolgden de schepelingen tot in de nabijheid van de HENDRIKA en alleen de gewapende houding van mijn equipage deed hen besluiten af te houden. De kapitein, zijn vrouw, benevens de stuurlieden, hofmeester en 7 matrozen, werden door mij behouden te Singapore aangebracht.


16 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het fregatschip JACOBA HELENA, kapt. L.J. Wilhelmie, is verzekerd geweest van Java en Sumatra naar enige havenplaats tussen Havre en Hamburg. Het vertrok 29 oktober 1857 van Batavia naar Rotterdam en liep de 26e november, ten gevolge van bekomen lek, te Port Louis binnen. Aldaar werd het op 5 december door een orkaan overvallen en door een aldaar liggend schip aangevaren, waardoor het opnieuw schade kreeg bekwam. De reparatie-begrotingen waren aanzienlijk en overtroffen de waarde van het schip dermate dat het werd afgekeurd (opm: zie o.a. NRC 010458).
De arrondissements rechtbank te Rotterdam heeft de eis tot schadevergoeding tegen de verzekeraars toegewezen. Het provinciaal gerechtshof van Zuid-Holland heeft die echter afgewezen. Het vonnis en het arrest hebben wij in der tijd medegedeeld (opm: zie NRC 280160). Tegen het laatste heeft de eiser zich in cassatie voorzien, waarop de hoge raad het volgende heeft beslist: Overwegende, dat als eerste middel van cassatie is aangevoerd, enz;
Overwegende, dat uit art. 1902 burgerlijk wetboek, in verband met de art. 246 en 637 wetboek van koophandel, volgt, dat bij verzekering tegen de gevaren van de zee, de verzekerde, tot het bekomen van schadevergoeding van de verzekeraar, moet bewijzen, dat de schade is veroorzaakt door een van buiten aankomend onheil; en dat bij het beklaagde arrest is beslist, dat, welke waarde ook moge worden toegekend aan de door de oorspronkelijke eiser overgelegde bewijzen van zeewaardigheid, hierdoor niet wordt weggenomen zijn verplichting om als verzekerde voldoende te bewijzen, dat de door hem geleden schade, waarvan hij voldoening vordert, is veroorzaakt door enig voorval, waarvan de verweerderesse, als verzekeraar, het gevaar heeft op zich genomen;
Overwegende dat, aangenomen dat het hof bij die beslissing geen rechtsvermoeden voor de zeewaardigheid van het schip, tijdens het lijden van de schade, uit de overlegde stukken heeft afgeleid, zoals de eiser beweert dat had moeten zijn geschied, hierdoor de aangehaalde artikelen niet zijn geschonden; omdat (welk vermoeden men aan die bewijzen zou kunnen ontlenen) noch art. 347 noch art. 479 wetboek van koophandel, noch enige andere wetsbepaling daaraan de kracht van een praesumtie juris toekent, en derhalve aan de feitelijke rechter is overgelaten de waardering van de kracht van bewijs van zeewaardigheid tijdens de afreis, in verband met andere ten processe bewezen omstandigheden ter beantwoording van de vraag of de na de afreis ondervonden schade kan geacht worden te zijn ontstaan door een van buiten aankomend onheil;
Overwegende, dat als tweede middel van cassatie is voorgesteld, enz;
Overwegende, dat volgens de feitelijke beslissing van het beklaagde arrest, het protest van de gezagvoerder daags na aankomst in de noodhaven gedaan en vermeld in de scheepsverklaring, niet is overgelegd, en dat derhalve dit stuk, waarvan de inhoud niet is kenbaar gemaakt, niet in aanmerking kan komen, en dat daardoor vervalt het onderzoek van het eerste gedeelte van dit middel;
Overwegende wat betreft de, volgens het beklaagde arrest, minstens twee maanden na het binnenlopen van het schip in de noodhaven uitgebrachte verklaring van de schipper en het scheepsvolk, dat daaromtrent door het hof is beslist: dat een scheepsverklaring opgemaakt “na een zodanig tijdsverloop en onder zodanige omstandigheden, als dit hier is geschied, niet tot bewijs kan strekken, voor zover zij niet van elders en bepaaldelijk door het scheepsjournaal wordt bevestigd”; en dat voorts is uitgemaakt, dat van zodanige bevestiging in deze niet blijkt;
Overwegende, dat de art. 379, 380 en 381 wetboek van koophandel (als betreffende de gewone verklaring van de schipper alleen bij de aankomst in een haven, en niet die van de schipper met de officieren en scheepsgezellen bij het inlopen in een noodhaven, vermeld in art. 383 en 384 wetboek van koophandel waarop het hier alleen aankomt), in geen aanmerking kunnen komen; dat art. 383 wetboek van koophandel uitdrukkelijk vordert, dat de daarbij omschreven verklaring moet worden afgelegd binnen 24 uren na het inlopen in een noodhaven; dat alleen onder voorwaarde van de voldoening daaraan, die verklaring moet worden toegekend zodanig bewijskracht, als aan alle soortgelijke beëdigde verklaringen, behoudens tegenbewijs, is verleend bij art. 384 wetboek van koophandel; dat derhalve het hof, hetwelk aan de onderwerpelijke, aan het voorschrift van art. 383 wetboek van koophandel niet voldoende, verklaring niet alle bewijskracht heeft ontzegd, maar alleen heeft gevorderd bevestiging daarvan van elders, de art. 383 en 384 wetboek van koophandel niet heeft geschonden, – en dat art. 1908 burgerlijk wetboek in deze alle toepassing mist; Overwegende, dat als derde middel van cassatie is voorgedragen, enz;
Overwegende, dat deze beslissing daarop berust, dat een in goede staat verkerend zeeschip, behoorlijk uitgerust voor een reis als waartoe het in deze bedoelde werd gebezigd, tegen zulke omstandigheden moet zijn bestand; en dat het hof op grond daarvan heeft beslist, dat niet is geleverd het vereiste bewijs dat de aan het schip aanwezige schade, of de onvoldoende toestand waarin het zich bevond vóór het veranderen van de koers en het inlopen te Port Louis, is veroorzaakt door enig zee-evenement, waartegen is verzekerd; Overwegende, dat alzo in casu aan de niet zeewaardigheid van het schip is toegeschreven de daaraan overkomen schade, daar het bewezen zee-evenement, volgens het oordeel van het hof, bij voldoende zeewaardigheid die schade niet had kunnen veroorzaken; en bij deze beschouwing geen van buiten aankomend onheil de schade, waarvan men de voldoening vorderde, heeft kunnen te weeg brengen, waaruit tevens volgt, dat art. 637 wetboek van koophandel niet kan zijn geschonden.
Overwegende, dat als vierde middel van cassatie is beweerd, enz;
Overwegende, dat de beslissing van het hof, dat ook de schade op genoemde reede aan het schip overkomen, niet mag worden gebracht ten laste van de verweerderesse, daarop berust, dat door de eiser niet is geleverd het bewijs, dat de vóór het veranderen van de koers en vóór het binnenlopen te Port Louis aanwezige schade is veroorzaakt door enig zee-evenement, waartegen de verweerderesse heeft verzekerd;
Overwegende, dat het veranderen van de koers hebbende plaats gehad niet ten gevolge van enig zee-evenement, maar ten gevolge van een niet voldoende zeewaardigheid van het schip en daardoor geleden schade, als willekeurig moet worden aangemerkt en mitsdien evenmin de daardoor geleden schade, als die welke vóór die koersverandering is geleden, van de verzekeraar kon worden gevorderd en dat door dit te beslissen art. 637 wetboek van koophandel niet is geschonden.
Overwegende, dat alzo al de aangevoerde middelen zijn ongegrond; verwerpt het beroep cum exp. 9 november 1860.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdm, 15 november. Naar men verneemt, zal met de 1e december in dienst worden gesteld Zr.Ms. stoomflotille-vaartuig de BERKEL.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.H.zn, H.W. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 27e november 1860, des middags ten 12 ure in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het snelzeilend Nederlands gekoperd hoekerschip FORTUNA, gevoerd door kapt. S. Warnaar, volgens meetbrief lang 20 el wijd 3 el 37 duim, hol 2 el 45 duim, en alzo groot 73 tonnen of 39 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Scheepmakershaven te Rotterdam.
Voorts zal nog afzonderlijk worden geveild een chronometer.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Naar Kaapstad, Port Elisabeth en Port Natal, ligt te Amsterdam in lading, om vermoedelijk bij open water in de loop der maand februari te vertrekken: het snelzeilend gekoperd en reeds in deze vaart zo gunstig bekende barkschip PROVINCIE DRENTHE, gevoerd bij kapitein H. Beckering, zijnde weder in alles behoorlijk ingericht voor de overvoer van passagiers, zowel der eerste, tweede en derde klasse; terwijl een bekwaam geneesheer de reis mede zal maken.
Adres bij de heer reder F.U.H. Reiger, bij de heer M.C. Lapidoth, agent der Landbouw Emigratie Maatschappij, of bij de cargadoors Hoyman en Schuurman, allen te Amsterdam woonachtig.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. H. Stobbe, scheepscommissionair, op het eiland Terschelling, als lasthebbende van zijn principaal, is voornemens, om op woensdag de 21e november 1860, voormiddag te elf ure, bij open water, te West-Terschelling, in het logement de Zwaan, door een bevoegd beambte, publiek, om gerede betaling, te verkopen: het geborgene der lading hout, uit het te Terschelling verongelukte schip VRIENDSCHAP, kapt. B. Bakker (opm: zie NRC 131060), van Dantzig (opm: Gdansk) naar Edam bestemd geweest en bestaande in plus minus 1.600 delen, dik 4 Nederlandse duim, lang van 2 tot 10 el, zo gaaf als defect.
Ten gerieve van de kooplieden zal van Harlingen een vaartuig naar Terschelling afvaren, daags voor de verkoping, en tot de aankomst waarvan de verkoop zal worden opgehouden.
Informatie inmiddels bij genoemde scheepscommissionair en bij de notaris op Terschelling.


17 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 november. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende negen schepen, als:
Voor Rotterdam: BEATRIX, kapt. C.A.L. van Wijck; PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL, kapt. C. Verwey en ROBERTUS HENDRIKUS, kapt. R.H. Mulder.
Voor Amsterdam: ALMELO, kapt. R.P. Tjebbes; SHANGHAY, kapt. H. Uitermark; JACOBA, kapt. M.T. Schaap; CORTGENE, kapt. D. Dunlop; ALBLASSERDAM, kapt. J. 't Hoen en CHERIBON, kapt. W.J. Coers (de vier laatsten van Rotterdam).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 16 november. Heden is van de werf van de heren J. & K. Smit alhier, met goed gevolg te water gelaten een ijzeren schroefstoomboot, genaamd NOORDBRABANT. Binnen weinige dagen wordt van die werf een dergelijke stoomboot te water gebracht (opm: ZUID-HOLLAND, zie NRC 061260). Beiden zijn bestemd voor het beurtveer van 's Hertogenbosch op Rotterdam, welke dienst thans door vier zeilschepen wordt uitgeoefend. De machines voor deze beide boten worden vervaardigd in de fabriek van de heren Diepenveen, Lels en Smit alhier.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dunbar (opm: 56º0’ N.B. 2º31’ O.L.), 14 november. De Nederlandse galjoot WILHELMINA, kapt. E.J. Kolkman, van Brussel komende, op de Goatness gestoten hebbende en vervolgens aan de mond dezer haven gezonken, is alhier binnengebracht en afgekeurd.


18 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 november. Aangaande het schip THEODORUS ADRIANI, kapt. Hazewinkel (opm: schoener THEODORUS ADRIANA, kapt. A.R. Hazewinkel), de 14e mei van Warnemünde naar Londen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 november. Aangaande het Groninger kofschip GESINA MARGARETHA, kapt. Bolhuis (opm: mogelijk hektjalk kapt. J.A. Bolhuis), van hier naar Aalborg, 22 september van Ameland vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


19 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostende, 16 november. De Belgische sloep RAPIDE, kapt. Fourney, van Sunderland naar Sevilla, is op Hersey-beach gestrand en zal totaal verloren zijn.
(opm: kapt. Emile Hector Fourny [zoon van de reder] en de stuurman kwamen hierbij om)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 16 november. Het Nederlands oorlogsfregat ADMIRAAL VAN WASSENAER, commandant Van der Voss, van Malta en Lissabon naar Nederland bestemd, is hier gisteren met verlies van boegspriet en schade aan de boeg binnengelopen, zijnde op de hoogte van de Sorlings (opm: Scilly Isles) in aanzeiling geweest met een, vermoedelijk Nederlandse, bark (opm: zie NRC 241160). De WASSENAER heeft harde wind uit het Z.O. gehad en behalve opgenoemde schade ook nog schade aan het roer bekomen. Het schip heeft zijn kruit gelost en zal in Devonport Dockyard gerepareerd worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 november. De Nederlandse stoomboot JONGE PAUL, kapt. Mevius, is heden wegens een kleine schade aan de machine geretourneerd, doch zal morgen waarschijnlijk de reis kunnen voortzetten.


20 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 november. Volgens particulier bericht uit Curaçao d.d. 22 oktober, is het alhier tehuis behorende ijzeren schoenerschip MEERMIN, dat sedert geruime tijd in West-Indie op de kust vaart, op een van zijn reizen aldaar gestrand en zal totaal verloren zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 november. Een op hedenavond uit Zierikzee ontvangen telegram deelt mede, dat een Russisch schip, met een lading klapperolie, van Foo-Chew-Foo naar Bremen bestemd, op de Banjaard gestrand is. Het volk was voor een gedeelte door de reddingschokker aangebracht. Nadere bijzonderheden ontbreken nog.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 19 november. Hedenmiddag ten half twee ure is alhier ten Zuidwesten op de hoogte van het telegraafkantoor gestrand de Engelse brik FAVORITE, kapt. Fenwick, van Sunderland, in ballast. Dit vaartuig had zaterdag j.l. Schiedam verlaten. Reeds in de morgen liet het zijn anker op de hoogte van Scheveningen vallen, maar ten gevolge van zware stormen zijn kettingen gebroken en is het schip op strand geworpen.
Met genoegen kunnen wij melden dat de equipage, uit zes man bestaande, met de reddingboot van de Noord- en Zuid-Hollandsche Reddingsmaatschappij, onder leiding van de heer Hoogeveen, gelukkig is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 november. Het schip (opm: kof) TROMP EN DE RUITER, gevoerd geweest door kapt. Tromp (opm: Botte Jans Tromp, 35), van hier naar Aalborg en Randers, is, volgens bericht van Ameland, aldaar op de rede teruggekomen, zijnde de kapitein en de stuurman (opm: Douwe van Heeckeren, 21) overboord geslagen en verdronken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 november. Het schip BAREND WILLEM, kapt. Retgers, van Batavia herwaarts gedestineerd, bevond zich gisteren in goede staat bij de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness); aan boord was alles wel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 november. Gisterennacht is achter De Koog gestrand de Noorse bark FAVORITE, kapt. Nielsen, met delen van Hernösand naar Honfleur. De equipage, uit 13 man bestaande, is met de reddingboot gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 18 november. Het Engelse brikschip LEO, kapt. Crosby, gisteren alhier gestrand, zit vol water en zal waarschijnlijk hedennacht uit elkander slaan. De bemanning, die zich aan boord had begeven om schip en lading te bewaken, hebben vanaf gisterennacht tot hedenmorgen, ten gevolge van de opgekomen hevige stormwind, de grootste nood doorgestaan en thans met levensgevaar door sloeperlieden van Den Helder gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 16 november. Het schip ANNA CATHARINA, kapt. Grilk, van St. Petersburg alhier binnen, heeft onder Texel anker en 30 vadem ketting verloren.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Deurwaarder J. Damen te Harlingen zal aldaar, in het koffijhuis genaamd Rusland, bij F.W. Simmer, op woensdag de 21e november e.k, ’s middags 12 uren, ten verzoeke van kapitein Jacob Sjoerds Pik, gevoerd hebbende het schip JANSJE, en krachtens autorisatie van Arrondissement Rechtbank te Leeuwarden, tegen contante betaling, bij kaveling, publiek verkopen: 200 stuks Frederikstad balken, van onderscheiden lengten, in plm. 40 delen, zoals die op 20 november e.k. in de Stads Gracht te Harlingen, aldaar bij de Zuidermolen, genummerd ter bezichtiging zullen liggen. (opm: zie NRC 011160)


21 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 20 november. Door de loodsboot no. 2, schipper Burger, is buiten de Uiterton opgevist en alhier aangebracht, een boot met de equipage van de Engelse brik SARAH, kapt. Purvis, van Newcastle naar Schiedam bestemd, zijnde die bodem hedenmorgen op de Ooster gestrand en gezonken.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 20 november. Het Russische schip SUOMI, kapt. Antman, van Cochin-China met cocosolie naar Bremen, is bij de Banjaard gestrand. Een gedeelte van de bemanning is aan wal. De kapitein en vijf man zijn nog aan boord. Het schip zit op de Zeehondenplaat, bij de Roompot. Reeds gisteren kortelijk gemeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Greenock, 17 november. Het Nederlandse galjootschip MARGARETHA HENDRIKA, laatst gevoerd door kapt. De Jonge (opm: kof, kapt. T.F. de Jong), alhier op de Bank gezonken (opm: zie NRC 151060), bevorens gemeld, is heden alhier publiek verkocht. Het hol heeft GBP 95 en de inventaris GBP 86 opgebracht.


Krant:

  JB - Javabode

Een telegram van Soerabaja d.d. 19 dezer bericht ons, dat het schip WILLEM CIRCK, kapt. Atle (opm: buitenlander), in de Torresstraat is vergaan. Een sloep met 4 man is verloren, de andere equipage is na veertien dagen te Koepang aangekomen.


Krant:

  JB - Javabode

Kapt. Van Gijzel, voerende het Nederlandse schip AMALIA AUGUSTA, schrijft het volgende van Singapore:
Ik vertrok van Anjer in gezelschap van twee schepen, de RICHARD COBDEN, kapt. Randall, en de Franse bark VAILLANT BASQUE, kapt. Got, de laatste bestemd naar Saigon. Toen wij de eilanden Twee Gebroeders naderden, alwaar wij twee dagen met stilte en harde stroom moesten doorbrengen, ontwaarden wij twee prauwen, welke ons zeer verdacht voorkwamen. De 20e oktober genoemde eilanden passeerden, lieten wij op de middag, daar een harde stroom om de zuid begon te lopen en het geheel stil werd, ons anker vallen. De volgende morgen omstreeks drie uur lichtten wij gezamenlijk het anker, en genoemde Franse bark werd door drie boten of prauwen aangevallen, waarvan de een van voren, een aan stuurboord- en een aan bakboordzijde de aanval begon, doch door de gezagvoerder met een zestigtal geweerschoten werden afgeslagen. Twee gingen al spoedig op de vlucht, doch de derde hield van voren de aanval vol, tot dat ook deze nog een paar schoten kreeg, waarop de rovers in hun vaartuig gingen liggen en ook het hazenpad kozen. 's Morgens bij het aanbreken van de dag zagen wij twee prauwen achteruit, welke zeer lange boten op sleeptouw hadden en waarschijnlijk dezelfde waren, die genoemde bark hadden aangevallen.


Krant:

  JB - Javabode

Muntok, 18 november. Nabij het eiland Lepar (opm: 2º58’ Z.B. 106º48’ O.L.) is deze dagen een Nederlands schip gestrand (opm: zie volgend bericht). Bij het vernemen van dit ongeluk is vanwege het bestuur van Banka een kruisboot derwaarts afgezonden, om de equipage van dat gestrande schip zo mogelijk de nodige hulp te verlenen.


Krant:

  JB - Javabode

Op dinsdag de 16e oktober j.l. is bij Poeloe Lihat (opm: Pulau Liat, 2º52’ Z.B. 107º4’ O.L.) in Straat Gaspar (opm: Gaspar Straat, tussen Pulau Liat en Pulau Mendanau, 2º45’ Z.B. 107º15’ O.L.) gestrand de Nederlandse bark TWEE JEANNES, gezagvoerder A. van der Windt. Na 4 dagen op het wrak en 2 dagen op Poeloe Lihat te hebben doorgebracht, is de bemanning op Billiton aangekomen. Nadere bijzonderheden in ons eerstvolgend nummer (opm: zie JB 241160).


Krant:

  JB - Javabode

Texel, 26 september. Het Nederlandse gouvernements stoomschip HERTOG BERNARD, kapt. Stolte, de 24e september van de rede van Texel naar Batavia gezeild met een lading steenkolen, is de 26e dito uit zee teruggekomen met door stormweder overgeworpen lading en losse tuigage. (opm: de ex-KROONPRINSES LOUISE, zie NRC 010560)


22 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 november. Het alhier te huis behorende schip (opm: bark) MACAO, kapt. J. Kroll, van Sunderland naar Singapore, is de 7e oktober gepraaid op 03º30' N.B. en 20º10' W.L. hebbende toen 70 dagen reis van Sunderland naar Singapore. Het schip had op 40º N.B. de boten en alles van dek verloren.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 november. Volgens telegrafisch bericht van het Nieuwediep van heden was op de Zuidergronden gestrand het schip (opm: kof) BOREAS, kapt. H.J. de Boer, van Sunderland naar Harlingen. Het volk is gered, doch het schip zou weg zijn (opm: zie NRC 241160).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 20 november. Het Nederlandse schip CLIO, kapt. Wijnmalen, de 13e dezer van hier naar Batavia vertrokken, is heden met verlies van bramsteng, kluiverboom en met meer andere schade uit zee teruggekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 20 november. De Zweedse bark FAVORITE, gisteren alhier gestrand, is verbrijzeld. De lading spoelt aan wal.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 20 november. Gisteren is achter De Koog gestrand de Hannover kof FIDUCIA, kapt. Satthoff met steenkolen van Charlestown naar Emden en heden, op dezelfde hoogte, de Nederlandse schoener GEZINA, kapt. H.L. van Sluis, in ballast van Londen naar Newcastle. Beide schepen zullen weg zijn. De equipages zijn gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 20 november. De Zweedse bark AVANCE, kapt. Beekmann, van Gijon in ballast naar Stockholm, is de 19e dezer benoorden Wijk aan Zee gestrand, doch het volk door de reddingboot gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 18 november. De Hannoverse schoner FOLETTA, is op het Hamburger Sand (opm: 5 mijl NW van Greetsiel) totaal verongelukt, doch het volk door de Eems-loodsrinkelaar no. 2 gered en alhier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Hollum op Ameland wordt van den 16de het volgende bericht:
De treurige mare, welke zich verspreidde, dat de gezagvoerder B.J. Tromp en diens stuurman jhr. E. van Heeckeren van het alhier den 15de dezer ter rede gekomen Nederlands kofschip TROMP EN DE RUITER, met stukgoederen van Amsterdam naar Aalborg zeilklaar liggende, noodlottig waren verdronken, heeft zich helaas heden maar al te zeer bevestigd.
Beider lijken zijn niet verre van elkander, den 16de aan de westzijde van de rede gevonden. De wijze, waarop zij zo zijn omgekomen, blijft een raadsel. Alleen is bekend, dat zij ’s avonds omstreeks 8 uur met de boot het schip hebben verlaten met het kennlijk voornemen zich naar den wal te begeven.
Diep en algemeen betreurt men dit allerdroevigst voorval; het waren mannen in de volle krachts des levens en zij genoten de achting van hunne medeburgers. De gezagvoerder B.J. Tromp laat twee nog zeer jonge moederloze kinderen na, zonder enig middel van bestaan.


23 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hjørring, 18 november. Het schip ESPERANCE, kapt. Kolhoff (opm: buitenlander), van Bremen met rijst naar Stettin (opm: Szczecin), is bij Hirtshals gestrand. Het volk is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. De Engelse brik LEO, gevoerd geweest door kapt. Crosby, van Sunderland herwaarts gedestineerd, bij Kijkduin gestrand, is met de inventaris voor NLG 800 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 november. Met het Nederlandse schip (opm: kof) ALLEGONDA RENSINA, kapt. J.H. Smit, heden van Newcastle gearriveerd, is alhier aangebracht kapt. Pettersen en de verdere bemanning van het Zweedse schip MIDELPAD, welke bodem op de reis van Hartlepool naar Malmø in zinkende staat verlaten is.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 20 november. Heden is alhier aangebracht de kapitein en de nog overgebleven rest van de equipage van het op de Banjaard gestrande Russische schip SUOMI. Men is druk bezig met de berging van de lading; bereids zijn enige vaten alhier geland. Ook een partij touwwerk en enige zeilen zijn alhier aangebracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 20 november. Kapt. de Ruyter, met het Nederlandse schip ELIZABETH CATHARINA, alhier gearriveerd, rapporteert dat hij de 16e dezer op de hoogte van Flambro Head heeft zien drijven een Engelse schoener genaamd ADM. CODRINGTON, van Lynn (opm: King’s Lynn). Het was een ijzeren schip, door de equipage verlaten. Door de hoge zee was het niet mogelijk om aan boord te komen.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een Hektjalk, groot 49 ton, met mast, giek, anker, stag en want.
Te bevragen bij Eeltje T. van der Wal, scheepstimmerbaas te Grouw. Brieven franco.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop te Makkum. De notaris Mann zal ten verzoeke van de heren Verwer te Makkum en Van Noord te Bolsward, maandag de 3e december 1860, ’s namiddags 2 ure, in het Schippershuis te Makkum, finaal verkopen:
-1: Een huis en timmerwinkel (opm: niet relevant en bekort).
En alsdan, ten verzoeke van de heer Verwer, veilen en gelijk verkopen:
-2: Een sterk en uitmuntend onderhouden Schilschip (de JONGE IDA genaamd), met Schilsnik (de HOOP OP ZEGEN), benevens daartoe behorende volledige en in beste toestand zijnde scheepsinventaris, gelijk zulks is liggende in het Vallaat te Makkum en bevaren door de eigenaar Sijbolt Hibma; dadelijk te aanvaarden.
(opm: schil duidt op schelp, dus schepen gebruikt in de schelpenvisserij).


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Belangrijke verkoping van strandgoederen enz. te Schiermonnikoog.
De notaris Brandsma te Dronrijp zal, bij het Pakhuis voor strandgoederen te Schiermonnikoog, á contant verkopen, op maandag de 2e december 1860:
A: Ten verzoeke van de heer burgemeester van Schiermonnikoog, op last van jonkheer Van Heeckeren, burgemeester van ’t Ameland, als gelastigde van de heren assuradeurs en eigenaren: 140 stukken klaphout, afkomstig van de lading van het verongelukte kofschip HELENA, gevoerd geweest bij N.L. van der Wal (opm: zie NRC 091060).
B: Ten verzoeke van de heer burgemeester van Schiermonnikoog, als daartoe geautoriseerd bij het besluit van het College van Heren Gedeputeerde Staten van Friesland, van 29 oktober 1860, no. 15, navolgende niet gereclameerde goederen, bestaande in: twee zware masten, een ra, 2 zware eiken balken, en een partij wrakhout.
Op dinsdag en woensdag den 4 en 5 december 1860:
C: Ten verzoeke van de heer burgemeester van Schiermonnikoog, als gemachtigde van heren assuradeurs en eigenaren te Hamburg: al de geborgen goederen van de in ’t begin van oktober 1860 gestrande Deense brik CHRISTIAN, kapitein N. Hansen, bestaande in:
-a: 2 zware kettingen, omstreeks 100 vadem lang, een dito, wat lichter en korter, vele gedeelten van kettingen van verschillende zwaarte en lengte, 2 zware ankers en 3 lichtere dito, een aanmerkelijke partij zwaar en licht ijzerwerk, een pompspil met het daarbij behorende, enige gescheurde zeilen, 1 zware tros, 2 dito lichtere soort, een grote partij want en gekapt touwwerk, 7 grote watervaten, enige kleine dito, een boot, gebroken of beschadigde masten, ra’s en meer rondhout en een aantal scheepsblokken.
-b: Het wrak van het voornoemde gekoperde brikschip, in de staat waarin het zich ten dage van de verkoop op het strand zal bevinden.
-c: Het geborgen gedeelte der lading van even gemelde brik, zijnde omstreeks 100 á 120 lasten Campeche hout, ingenomen te Laguna de Terminos.
-d: Het gedeelte der lading Campeche hout dat op de dag van de verkoop nog in het wrak aanwezig zal zijn.
NB. Op zondag de 2e en maandag de 3e december 1860, telkens ten 12 ure, vertrekt van Oostmahorn een schip naar het eiland. De verkoop zal eerst na de aankomst van belangstellenden beginnen, terwijl die, zo onverhoopt invallende vorst de overvaart op de gemelde dag onmogelijk mocht maken, tot latere gelegenheid wordt uitgesteld.


24 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 23 november. Van het gestrande schip SUOMI zijn te Zierikzee aangebracht 300 vaten cocosolie, een partij hennep en een gedeelte van de inventaris; het schip zal vermoedelijk verloren zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 november. Aangaande het schip BOREAS, van Sunderland naar Harlingen, op de Noorderhaaks gestrand (opm: zie NRC 221160), wordt volgens brief van Harlingen van de 22e dezer gemeld, dat het wrak was, doch dat men zou trachten de inventaris te bergen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 21 november. Het Nederlandse schip BUITENZORG, kapt. Ruhaak, van Newcastle naar Batavia, heeft gepasseerde nacht onder Dover anker en ketting verloren, doch is daarvan opnieuw, van hier, voorzien.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Folkestone, 20 november. De Nederlandse kof die alhier met verlies van kluiverboom enz. binnenliep – zie ons nommer van 22 dezer – is gebleken te zijn de schoener ONCKO EN JOHAN, kapt. R. Groenenberg van Newcastle naar Malaga.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 20 november. Het schip QUEEN'S OWN, kapt. Flanagan, van Akyab (opm: Sittwe) alhier aangekomen, is in de nacht van de 11e november met een oorlogsfregat in aanzeiling geweest en heeft de bezaansteng enz. verloren.
N.B. Dit is vermoedelijk de bark waarmede 's rijks fregat ADMIRAAL VAN WASSENAAR in aanzeiling is geweest (opm: zie NRC 191160).


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 20 november. Met het schip PAULINE, kapt. Curtis, heden van Messina gearriveerd, is alhier aangebracht de door dat schip geredde equipage van het te Farmsum te huis behorende kofschip GEERTJE, kapt. v.d. Berg (opm: galjoot, kapt. L. van der Borg), van Newcastle naar Livorno bestemd. Omtrent deze redding rapporteert kapt. Curtis het volgende: In de vroege morgen van 12 november, ons toen bevindende op 46º N.B. en 12º W.L (opm: op de Atlantic bewesten Golf van Biscaje), zagen wij te loevert van ons een schip onder noodvlag. Ik liet onmiddellijk zeil minderen teneinde het vaartuig gelegenheid te geven mij te praaien en naderbij komende bleek het de Nederlandse schoener (opm: schoenergaljoot) GEERTJE te zijn. De kapitein verhaalde mij, dat hij de 9e november door een zware stortzee belopen was, waardoor twee man van de equipage, de boten en verder alles van dek geslagen werd en het schip een zwaar lek bekwam. Alhoewel het zeer hard woei zodat ik (met een hoge zee) met dicht gereefde zeilen lag, zette ik onmiddellijk mijn boot uit en het mocht in twee reizen gelukken om de overblijvenden, bestaande uit de kapitein, diens vrouw, kind, de stuurman en een matroos bij mij aan boord te krijgen. Onmiddellijk nadat de boot voor de laatste maal de kof verliet, zonk deze in de diepte weg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkøbing, 19 november. Gepasseerde vrijdag (opm: 16 november) is een met spoorijzer beladen Nederlands vaartuig bij Bjerregård (opm: 55º52’ N.B. 8º9’ O.L.) gestrand. Het volk is gered, doch nadere bijzonderheden ontbreken (opm: MINERVA, zie NRC 261160).


Krant:

 ZZC - Zierikzeesche Courant

Zierikzee, 23 november. Met de meeste ijver wordt steeds voortgegaan met het bergen van de lading van het gestrande schip SUOMI, kapt. J. Antman, zodat van de gehele lading, die uit plm. 800 vaten kokosolie bestaat, reeds 225 vaten thans zijn aangebracht. Ook heeft men een partij touwwerk uit gemeld schip alhier aangebracht.


Krant:

  JB - Javabode

De 16e oktober ongeveer 2½ uur in de middag strandde op het Middeneiland het Nederlandse barkschip TWEE JEANNES, gezagvoerder A. van der Windt, met ballast zeilende van Hongkong naar Batavia, ten einde aldaar voor Nederland door de Nederlandsche Handel-Maatschappij te worden bevracht. Onmiddellijk is alle mogelijke hulp verleend. De schipbreukelingen zijn voorlopig ter hoofdplaats gehuisvest. Op verzoek van de gezagvoerder is de geredde inventaris publiek verkocht. De veiling heeft ruim NLG 4.000 opgebracht. Tot overmaat van ramp is het gestrande schip in de avond van de 18e, terwijl de gezagvoerder met nog enige opvarenden en vijf orang djoeroes (opm: Maleiers van de wal) zich aan boord bevonden, in brand geraakt en tot de waterlijn afgebrand. Er werd onderzocht of daarbij moedwil heeft plaats gehad.


Krant:

  JB - Javabode

De kapt. A. van der Windt, gezagvoerder van de TWEE JEANNES, bestemd van Hongkong naar Java, rapporteerde bij aankomst op Billiton het volgende:
Op dinsdag de 10e oktober was het weer flauw en stil, overdrijvende lucht, die tegen de middag buiig werd. Op de middag peilden wij Gaspar eiland NNW en de Zuidhoek van Middeneiland of Poeloe Lihat ZZW½W, en de Noordhoek ZW tot W (opm: Gaspar Straat, tussen Pulau Liat en Pulau Mendanau, 2º45’ Z.B. 107º15’ O.L.)
De geobserveerde zuiderbreedte was 2º24’, chronometerlengte 107º13' O.L. Wij stuurden vervolgens tot een uur west ten noorden en bevonden een zware stroom om de zuid te hebben; de voortgang was 1½ mijl. Vervolgens stuurden wij west tot een uur veertig minuten met één mijl voortgang en vervolgens west ten zuiden tot twee uur dertig minuten, driekwart mijl voortgang volgens de peiling van twaalf uur. Wij kregen een zware donderbui met dikke verstopte lucht en de wind van het zuiden tot het noordoosten lopende. Aldus waren wij verplicht, zeilen te bergen, en terwijl dit geschiedde en wij niets konden zien, ontving het schip een zware stoot, waarop de klippen en koraalgrond onmiddellijk door het schip zaten en het water ogenblikkelijk als een sluis in het schip stroomde.
Wij zetten onmiddellijk de pompen aan, doch te vergeefs, maar hielden zolang mogelijk de pompen aan de gang, bevonden achter bij het roer drie en een halve vadem water, zagen bij het opklaren weer de klippen en koraalgrond; peilden het eiland Gaspar N½O en het Westeiland van Poeloe Lihat Z¼W; Tandjong Bricat NW¼N, en het Noordereiland Poeloe Lepar (Kalapan) WZW½W; bevonden op deze peilingen, dat de klippen en koraalgronden verder uitstaken, dan deze peilingen aangeven. Bij het opklaren van de lucht zagen wij een 3-mastschip, en onmiddellijk toonden wij de vlag om hulp te bekomen, ten einde de inventaris te bergen, doch te vergeefs: het zeilde door. Wij hielden ons bezig zoveel mogelijk van de inventaris op het voorschip te bergen, daar het schip des avonds te 6 uur met het achtereind geheel onder water zat. 's Avonds kregen wij verscheidene boten aan boord, waarvan wij ogenblikkelijk een naar Billiton, naar de assistent resident, zonden om hulp te vragen, en een naar het genoemde schip, het welk doorzeilde, en maakten alles gereed, om als het nodig was, toch nog zoveel mogelijk van de inventaris te bergen.
's Morgens bij het aanbreken van de dag kwamen verscheiden boten om goederen te bergen, welke op Poeloe Lihat aan wal werden gebracht, waartoe wij met de scheepsboten hielpen, en enige manschappen aan land lieten om het stelen van de goederen te voorkomen.
De andere dag (donderdag) werd hiermede voortgegaan, en een poging door de tweede stuurman met vier man gedaan, om een om de zuid sturende bark te bereiken, was vruchteloos. Des nachts hielden wij enige Maleijers aan boord van ons schip, dat tot aan de grote mast aan dek onder water lag; doch omstreeks te negen uur 's avonds kwamen de Maleijers al schreeuwend aanlopen, dat er vuur in het schip was. Ogenblikkelijk waren wij met water bij de hand om de brand te blussen, maar de vlam sloeg gelijkertijd het voorgroot luik uit, waarop de Maleiers direct over boord sprongen en vluchttten, en wij des avonds te elf uur genoodzaakt waren het schip te verlaten. Toch bleven wij in de nabijheid van het wrak tot 's ochtends zes uur, totdat alles was verbrand en overboord gevallen.
's Vrijdags kwam de kruisschoener van de assistent resident, en wij bekwamen boten ter overbrenging van de goederen naar Billiton. Des morgens van de volgende dag scheepten wij het restant van de geborgen goederen in en vertrokken met de boten naar Billiton, waar wij des zondags de 21e oktober te elf uur aankwamen, en de assistent resident ons ogenblikkelijk alle hulp verleende.


25 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 november. Heden is aan de werf De Boot van de scheepsbouwmeester F.F. Groen te Amsterdam de kiel gelegd van een nieuw te bouwen fregatschip, groot ongeveer 370 lasten, bestemd voor de grote vaart, hetwelk genaamd zal worden JAVA PACKET, voor rekening van de heer G.W. van Barneveld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 23 november. Het schip ANNECHINA, kapt. De Jonge, van Cadix alhier binnen, is gisterennacht op de Noord-Haaks vervallen, maar door het over boord werpen der lading en assistentie in vlot water gekomen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 23 november. De berging der lading van het Russische schip SUOMI gaat geregeld voort, en er bestaat alle kans, wanneer de wind gunstig blijft, dat de gehele lading geborgen zal worden.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Caledonia kanaal, 21 november. Gisteren arriveerde alhier het Nederlandse schip (opm: schoener) CORNELIA, kapt. P.E. Vorenkamp, van Riga naar Belfast bestemd. Het schip heeft gedurende de reis veel water gemaakt, maar men hoopt toch dat de lading onbeschadigd zal zijn. Het vaartuig heeft heden de reis voortgezet.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Napels, 17 november. Het schip MARIA CHRISTINA (opm: buitenlander), van Catanzaro naar Engeland, is 13 dezer op even genoemde plaats verongelukt. Men vreest dat het schip reeds de gehele lading aan boord had.


26 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 november. Het stoomschip MEDEA, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) herwaarts gedestineerd, is de 23e dezer met verlies van zeilen en enige schade aan verschansingen, te Flekkefjord binnengelopen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 23 november. Naar men alhier verneemt is een met kolen beladen Nederlandse kof op Horsey-Beach (opm: 52º45’ N.B. 1º40’ O.L.) gestrand. (opm: THEUNIS EN WILLEM zie NRC 281160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 22 november. Het Hannoverse schip GESINA, kapt. De Vries, van Brevig naar Weener, is bij Borkum verongelukt. (opm: opgenomen, omdat zowel naam schip als naam gezagvoerder had kunnen wijzen op een Nederlands schip, hetgeen niet het geval is)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkiobing, 22 november. De Nederlandse schoener (opm: galjoot) MINERVA, kapt. M. Heikamp, van Schiedam, van Dublin naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is bij Bjerregård (opm: 55º52’ N.B. 8º9’ O.L.) gestrand (opm: zie NRC 241160) en met de lading oud ijzer totaal weg.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cadix, 23 november. Het schip UNION (opm: buitenlander), van Queenstown naar Sevilla, is op de San Medina rotsen gebleven.


Krant:

  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 26 november. Het stoomschip JONGE MARIE, van hier naar Hamburg met stukgoederen, is volgens telegram, ontvangen bij de Vereeniging van Assuradeuren alhier, bij Baltrum gestrand, doch het volk gered..(opm: bouwjaar 1826; kapt. R.A. Hazewinkel, zie ook AH 291160)


27 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 november. Aangaande het Nederlandse schip (opm: kof) ZEEMEEUW, kapt. Ellis, de 8e november van Middlesbro’ naar Dordrecht vertrokken, heeft men sedert niets vernomen. (opm: zie NRC 281160)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 november. Volgens bericht van kapt. Sneltjes, voerende de brik PROFESSOR SURINGAR, van Batavia te Texel binnen, had hij op de reis veel slecht weder en de 17e dezer op de hoogte van de Goodwin Sands een hevige storm doorgestaan, daardoor veel zeilen en kluiverboom verloren, terwij de puttingijzers waren afgebroken en meer andere schade werd veroorzaakt.


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door tussenkomst van de te Sneek gevestigde procureur Mr. B.S. Stienstra zal op woensdag de 19e december e.k, ’s voormiddag ten 10½ ure, ter openlijke terechtzitting der Arrondissement Rechtbank te Sneek, in het Paleis van Justitie aldaar, aan de meestbiedende, bij opbod en afslag, worden verkocht: zeker thans door Rigtje Siegers van der Laan, weduwe Folkert Jans Koopmans te Nijehaske als mede eigenaresse bevaren en gebruikt wordend Hek Tjalkschip, genaamd de DRIE GEBROEDERS, groot 76 ton of 27 last, thans liggende aan het Turfland in het vaarwater het Dok of de Zijlroede te Lemmer, met de zich op het schip bevindende en daarbij behorende goederen, als: een mast met wimpel, staand en lopend want of touwwerk, een wit zeil, boegspriet en fok, twee ankers, kabel en stelling, waterton, een pomp met kruk, een kurkzak, twee haken, twee bomen, 42 luiken, mitsgaders een trap en spoelkleed, alles zodanig als een en ander bij behoorlijk Proces Verbaal van de deurwaarder A. Miedema te Sneek in executoriaal beslag is genomen, ten verzoeke van Haitze Annes de Vries, rentenier te Lemmer, en ten laste van:
1ste Rigtje Siegers van der Laan voornoemd, zo voor haar zelf als in hare hoedanigheid van moeder en voogdes over haar minderjarige kinderen, met namen Sieger, Rein, IJbeltje en Jantje Folkert Koopmans, bij haar voornoemde wijlen man in huwelijk verwekt;
2de Anna Hendriks Boornstra, dienstbode te Amsterdam;
3de Minke Hendriks Boornstra, dienstbode, verblijf houdende in het schip, doch vroeger woonachtig te Heerenveen, en
4de Jan Folkerts Koopmans, van schippersbedrijf, verblijf houdende in het schip, laatst gedomicilieerd te Nijehaske, zonder dat executant opzichtelijk de woonplaats van de beide laatst bedoelde personen enige verandering van woonplaats heeft kunnen ontdekken; de genoemde weduwe als deelgenoot in de tussen haar en haar genoemde overleden man bestaan hebbende gemeenschap van goederen, en hare voornoemde minderjarige kinderen met en benevens Jan Folkerts Koopmans voornoemd, als enige wettige erfgenamen van hun wijlen vader Folkert Jans Koopmans meer genoemd. Liggende inmiddels van af heden de veil condities ter lezing ter griffie van voormelde rechtbank.
Sneek, 22 november. De procureur van den executant,
Mr. B.S. Stienstra


Krant:

  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoping, tegen gereed geld, te West Terschelling, op het eiland Terschelling, op woensdag de 28 november 1860, des voormiddag 11 uur, van 454 stukken Memels klaphout en 110 dito pijpenduigenhout, afkomstig van de lading van het verongelukte kofschip HELENA, gevoerd geweest bij kapitein N.L. van der Wal (opm: zie NRC 091060); terwijl heden op 27 dezer vóór de verkoop een vaartuig te Harlingen zal gereed liggen naar Terschelling te vertrekken. Informatie bij de heer C. Zunderdorp, scheepsagent te Terschelling.


28 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 oktober. Vrachten blijven vast ondanks de toenemende arrivementen; naar China zal spoedig meer vraag ontstaan, zodra cargarijst ruimer te bekomen is.
Nederlandse vlag. Naar Nederland laden: OTTO à NL 70 voor rijst en koffij, NLG 72,50 voor suiker en NLG 80 voor huiden, te Pamanoekan en Samarang te laden; de MARIA ANNA en de ZWAAN werden naar Rotterdam door de Factorij opgenomen à NLG 75 voor koffij en suiker op de kust te laden naar Rotterdam en Amsterdam respectief; de BREDERODE laadt te Soerabaija naar Rotterdam suiker à NLG 75 en huiden à NLG 90.
De HENRIETTE neemt alhier naar Amsterdam suiker à NLG 75 en rijst à NLG 70; de THEODORA MACHTILDA laadt alhier naar laatst genoemde plaats suiker à NLG 75 en koffij à NLG 70; de NOACH laadt naar Rotterdam ten dele voor rederij rekening en neemt ter opvulling vracht te Samarang à NLG 75 voor suiker.
Naar Rotterdam laden nog de JOAN, TOLLENS, JEANNETTE EN CORNELIA, LOUISE KROONPRINSES VAN ZWEDEN, EUGENIE, HENDRIKA en ANTONIA PETRONELLA; en naar Amsterdam de ACADIA, WILHELMINA SENIOR, AMAZONE, ZEENIMPH en MARIA ELIZE, allen à NLG 80 voor suiker, NLG 70 voor rijst, NLG 75 voor koffij, NLG 90 voor huiden, gomelastiek en licht goed, NLG 100 à NLG 105 voor arak en NLG 35 voor koperen duiten, terwijl de ACADIA en SENIOR te Padang koffij bijladen à NLG 90 per last; de WATERGEUS accepteerde NLG 10.000 voor een lading rijst naar en terug met tin van Banka.
Disponibel zijn de Nederlandse schepen ARGUS, J.M. KEMPER, RIJNBRANDT, BELLATRIX, WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, EUGENIE, ULYSSES, AMSTERDAM en het GOEDE VERTROUWEN.
De Nederlandse schepen JACQUELINE EN ELISE en DRIE GEBROEDERS maken kustreizen.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 27 november: Nederlands hoekerschip FORTUNA, groot 73 tonnen of 39 lasten. Om NLG 3.000 verkocht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Volgens bericht van kapt. J.W. Retgers, voerende het Nederlandse fregatschip BAREND WILLEM, in Texel binnen, heeft hij bij stormweder de 13e november j.l. des morgens te 9½ ure, op 48º34’ N.B. en 10º33’ W.L. van Greenwich door de equipage verlaten drijvende gevonden het Hamburger barkschip GESINE, met de Hamburger vlaggen halfstok van de top en de gaffel.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 26 november. Van het gestrande Russische barkschip SUOMI, kapt. Antmann, wordt heden het restant der lading olie enz. aangebracht. Het schip is reeds gebroken en zal dus weg zijn.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 26 november. Het Nederlandse schip ZEEMEEUW, kapt. Ellis, van Middlesbro´ naar Dordrecht bestemd (opm: zie NRC 271160), is in de Noordzee gezonken. De equipage, met uitzondering van de kok, is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 24 november. De Nederlandse kof THEUNIS EN WILLEM, kapt. R. van der Wal, van Leith naar Barcelona, is op Horsey Beach (opm: 52º45’ N.B. 1º40’ O.L.) gestrand en totaal verloren, zijnde dit het schip, in ons nommer van 26 november gemeld.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 oktober. Het Engelse schip DANIEL JEFFREYS, kapt. Jeffreys, van Passaroeang naar het Kanaal bestemd, is de 9e dezer op de Boompjes-Eilanden totaal verongelukt. Het volk is gered.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 9 oktober. Het Nederlandse schip HEBE, gevoerd door kapt. Kiehl, is op deszelfs reize van Batavia naar hier in de vroege ochtend van de 27e september aan de grond geraakt bij de tweede baak van Madura, peilende Bangkaliang zuidoost en fort Erfprins zuidwest-ten-westen-½ west, doch de 29e des voormiddags weder vlot geworden en zonder schade te hebben bekomen dezelfde dag hier gearriveerd.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hong Kong, 12 oktober. De Nederlandse bark TRITON, kapt. Y. Feenstra, de 13e september van hier naar Kanagawa (opm: havenplaats bij Tokyo) vertrokken, is in de nacht van 23 september op de riffen van Taipingsan-Eiland (opm: mogelijk een der Ryukyu eilanden) verongelukt. De bemanning nam, toen het ongeluk plaats greep, hun toevlucht tot de boten, en aangezien het niet raadzaam geoordeeld werd om op Taipingsan te landen, besloot men om naar Keeling (opm: Keelung) op Formosa de steven te wenden. Vier dagen later arriveerden zij daar en werden van daar naar Amoy (opm: Xiamen, China) vervoerd, waar zij de 3e oktober aankwamen. De TRITON was alhier bij de maand bevracht.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hong Kong, 12 oktober. Het schip JOHAN HERMAN (opm: buitenlander), van hier naar Saigon, is 23 september op Fort Rock verongelukt.


29 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hong Kong, 13 oktober. Het alhier van Cardiff gearriveerde Nederlandse schip CORNELIS ANTHONY, kapt. Reinders, heeft tussen de Kaap de Goede Hoop en het eiland St. Paulus veel stormweder doorgestaan, en daarin verscheidene zeilen verloren.


Krant:

  AH - Algemeen Handelsblad

Norden, 25 november. Het stoomschip JONGE MARIE, van Amsterdam naar Hamburg, op Baltrum gestrand, zal totaal weg zijn.
(opm: gezien dit bericht uit Norden van 25 november 1860 zal het schip op of vóór 25 november 1860 zijn gestrand, zie ook AH 261160)


30 november 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 november. Van het in dienst stellen van het schroefstoom-flottillevaartuig BERKEL is nog niets officieel bekend, maar toch zal dit waarschijnlijk nog dit jaar plaats hebben. Het bevel daarover zal worden opgedragen aan de luit. t/z.1ste kl. P. van der Velden Erdbrink, tot hiertoe belast met het opzicht over het inrichten en stellen der machines van en in de stoomschroef-flottillevaartuigen DE AMSTEL en APELDOORN, waarvan de aflevering door het faillissement van de scheepsbouwmeester Van der Hoog te Amsterdam voorlopig vertraagd is.
Ook zal Zr. Ms. raderstoomschip AMSTERDAM in het begin der maand december naar Willemsoord worden overgebracht tot verdere gereedmaking en waarschijnlijk ook dit jaar nog in dienst komen. Als commandant noemt men de kapt. luit. t/z. J.P.G. Muller.


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven, 27 november. De kof AUKJE, kapt. L.J. van Peer (opm: AUKJEN, bouwjaar 1839; kapt. Lips J. van Peer), van Aberdeen naar Altona, is de 24e dezer zinkende door de equipage, die alhier aangebracht is, verlaten. (opm: zie RC 141260)


Krant:

 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 20 november. De Nederlandse kof HENDRIK NANNEN (opm: galjoot HENDRIK NANNES), kapt. K.H. Siersema, van Livorno naar Antwerpen, is alhier met verlies van fokkemast, boegspriet en meer andere schade binnengebracht, zijnde de 16e dezer op de hoogte van Fuengirola in aanzeiling geweest met de stoomboot BRETAGNE. De BRETAGNE, die de kof hier binnen sleepte, heeft maar onbeduidende schade.


01 december 1860


Krant:
 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 november. Door het Deense consulaat alhier is heden aan kapt. Menses van het Nederlandse schip MARIA een zilveren medaille overhandigd als geschenk van Z.M. de koning van Denemarken voor de redding van een Deense schepeling.<