Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 0 - 189 - 1801 - 1803 - 1805 - 1806 - 1808 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 2018


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1883


01 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, op de 29e december 1882 voor de te Rotterdam residerende notaris P. J. W. van den Berg gepasseerd, is tussen de ondergetekenden Johannes Hendricus Seeuwen, cargadoor, Johannes Arnoldus Anthonius Seeuwen, cargadoor, en Johannes Anthonius Godefridus Dominicus Seeuwen, particulier, allen wonende te Rotterdam, overeengekomen, dat de laatst ondergetekende zal worden opgenomen in de tussen de beide eerst ondergetekende te Rotterdam bestaande vennootschap, ten doel hebbende de uitoefening der cargadoorszaken.
De vennootschap wordt tussen de gezamenlijke vennoten voortgezet voor de tijd van tien jaren, aanvang nemende de in januari 1883, en mitsdien zullende eindigen de 31e december 1892, met dien verstande, dat de vennootschap alsdan niet vanzelf zal eindigen, tenzij door één der vennoten ten minste één half jaar vóór de expeditie een schriftelijke opzegging daartoe zal hebben plaats gehad, bij gebreke waarvan de vennootschap geacht zal worden nog voor vijf jaren te zijn verlengd, en zulks telkens van vijf tot vijf jaren, totdat die ten minste één half jaar vóór de expiratie door een der vennoten schriftelijk zal zijn opgezegd.
De firma der vennootschap blijft: ,,Seeuwen & Co.” waarvan de beide eerst ondergetekenden de tekening hebben, terwijl die door de laatste ondergetekende bij procuratie zal worden getekend, zonder dat de firma echter immer zal mogen worden gebezigd tot het aangaan en tekenen van beleningen, borgtochten of particuliere verbintenissen in het algemeen, waartoe, om voor de vennootschap van kracht te zijn, steeds de bijzondere handtekening van al de vennoten zal worden vereist.
Rotterdam, 29 december 1882, J. H. Seeuwen, J. A. A. Seeuwen, Jan Seeuwen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, op de 5e december 1882 voor de notaris A. C. van Wijngaarden te Rotterdam gepasseerd, is tussen de ondergetekenden Charles Moens en
Jacob Mees J. Rz., beiden koopman, wonende te Rotterdam, aangegaan een vennootschap, welke gevestigd is te Rotterdam en gedreven zal worden onder de firma Mees & Moens, tot het uitoefenen van de commissiehandel, de rederij en de daarmede in verband staande handel voor eigen rekening, zijnde een voortzetting der zaken door hen laatstelijk met nu wijlen de heer Adrianus Moens als commanditair vennoot gedreven, welke vennootschap ten gevolge van het overlijden van genoemde heer Adrianus Moens met de 31e december 1882 is ontbonden.
De vennoten hebben beiden de tekening in alle zaken de vennootschap betreffende, doch niet tot het speculeren in publieke fondsen, het aangaan van borgtochten of dergelijke contracten, waartoe de handtekening van beide vennoten wordt vereist.
De vennootschap is aangegaan voor zes jaren, aanvangende de 1e januari 1883, en alzo zullende eindigen de 31e december 1888, indien althans een der vennoten het einde alsdan mocht verlangen en zulks 6 maanden te voren schriftelijk zal hebben te kennen gegeven, bij gebreke waarvan de vennootschap gerekend wordt met ultimo december 1888 weder voor één jaar te zijn gecontinueerd, welke continuatie voor één jaar telkens zolang zal voortduren totdat een schriftelijke kennisgeving als hier vóór vermeld zal zijn geschied.
Wordende deze bekendmaking gedaan ingevolge het bepaalde bij artikel 28 en 31 van het Wetboek van Koophandel.
Charles Moens, J. Mees J. Rzn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op dinsdag 2 januari 1883, des avonds te 7 uur, zal, ten huize van den kastelein J. Homan, aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht het in 1879 nieuw gebouwd en goed onderhouden overdekt tjalkschip, genaamd AFIENA, groot 62 ton, met volledigen inventaris, thans ligende te Groningen bij de Ebbingebrug, bevaren door de schipper Leendert van Dijk. Aanvaarding dadelijk na de betaling.
Van Starkenborgh, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 28 december. Het wrak van het hier gestrande schip NORTHERN CHIEF, kapt. Watson, van Hamburg naar Cardiff, heeft met de inventaris NLG 1.393 opgebracht. Het wrak van het alhier gestrande schip LEONARD heeft in veiling NLG 515 opgebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 29 december. Door de loods H. van Varion zijn gepraaid, liggende wegens tegenwind bij Dungeness geankerd, de Nederlandsche schoener GEERDINA en de Nederlandsche tjalken GEZINA en JANTIENA; aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Marseille 26 december. Het stoomschip VOORWAARTS, kapt. Harten, van Amsterdam met enige schade aan de schroef hier aangekomen, moet een gedeelte der lading lossen om daarna in het droge dok te worden nagezien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Northshields, 27 december. Het hier met vier sleepboten van het strand bij Holy-eiland binnengesleepte stoomschip AMULET, van Rotterdam naar Leith bestemd, zal hier repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 december. Volgens telegram uit Londen is het schip GROEN VAN PRINSTERER, kapt. Van Duijn, den 17den december van Queenstown naar Limerick vertrokken, uit zee te Queenstown teruggekomen. Schade onbekend.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 29 december. Het stoomschip FENHAM, van de Zwarte Zee naar Schiedam, met een lading granen, zit, inkomende op de Westhaal; zal, indien mogelijk, lichten of anders lading over boord werpen. Drie sleepboten zijn voor het volgende getij aangenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte op de 29e december 1882 voor de ondergetekende notaris
Jacobus van der Hoop Janszoon, te Rotterdam gepasseerd, is door de heren Herman Gerard Klüssener, Herman Bernard Jäger en Herman Johan Klüssener, allen commissionair en expediteur, wonende de 1e en 3e te Rotterdam, en de 2e te Rozendaal, in de tussen hen bestaande vennootschap tot het drijven van commissie en expeditiezaken te Rotterdam, Rozendaal en Amsterdam, onder de firma H. Braakman & Co., te rekenen van de 1e januari 1883, als medevennoot opgenomen de heer Hendrik Jäger, procuratiehouder, wonende te Amsterdam, die als zodanig is toegetreden en is daarbij bepaald dat de gemelde firma H. Braakman & Co. door al de vennoten zal worden getekend in en omtrent alle zaken de vennoot betreffende, zonder die te mogen bezigen tot het aangaan en tekenen van beleningen, borgtochten en van particuliere engagementen in het algemeen, waartoe om voor de vennootschap verbindende te zijn de privé handtekening van al de vennoten zal worden vereist.
Jacs. van der Hoop Jzn., notaris


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 30 december 1882. De bij de stroomleidende dam op de Pollen gezonken sleepboot ONRUST werd hedenavond in publieke veiling verkocht aan A. Kool, aannemer van publieke werken, voor NLG 25.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 30 december 1882. Gisteravond werd alhier aan de bergers van de lading katoen van het nabij Callantsoog gestrand geweest zijnde Engelse schip STRATHMORE, na aftrek van NLG 1.000 loodsgeld en andere uitgaven, uitbetaald de som van ongeveer NLG 58.000, waarvan NLG 49.945 aan de Helderse en Texelse schippers en sjouwers, en het overige aan die van Petten en Callantsoog. Ook het geld voor het afbrengen van de ANDREA ten bedrage van NLG 6.000 kan ontvangen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december 1882. Volgens een particulier bericht was het schip VIRGO, kapt. Sandberg, van Semarang, 29 dezer in het Engels Kanaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, op de 22e december 1882 voor de notaris P. J. W. van den Berg te Rotterdam verleden, is tussen de ondergetekenden Albert Joseph Otten en Johannes Franciscus Otten, beiden scheepsbevrachters en agenten, wonende te Rotterdam, en aldaar in vennootschap handelende onder de firma Johs. Otten & Zoon, overeengekomen, dat de gemelde firma, die tot dusverre alléén door de eerste ondergetekende werd getekend en door de tweede ondergetekende bij procuratie, te rekenen van de 1e januari 1883 af door de beide vennoten zal worden getekend, zonder dat zij die echter immer zullen mogen bezigen tot het aangaan en tekenen van beleningen, borgtochten of particuliere verbintenissen in het algemeen, waartoe, om voor de vennootschap van kracht te zijn, steeds de bijzondere handtekening van beide de vennoten zal worden vereist.
Rotterdam, 31 december 1882, Albert Otten, J. Otten Jzn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december 1882. Volgens een particulier bericht heeft het Nederlandse schip JOHANNA JANTINA, kapt. Lüken, van Bremen herwaarts, als bijlegger te Delfzijl binnen, 190 zakken beschadigde rijstmeel gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland. 30 december 1882. Het gestrande stoomschip FENHAM zit nog op dezelfde plaats en maakt een weinig water. Van de lading is een schuitje gelost, acht sleepboten hebben te vergeefs getracht het af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 29 december 1882. De Nederlandse kof JANTINA, kapt. Boelens, van Krageroe naar Norden bestemd, is hier in de haven gekomen.
(opm: vergelijk NRC 140183)


02 januari 1883


  JB - Javabode

Batavia, 2 januari. De inspecteur der bebakening en kustverlichting is naar Singapore gegaan om een loodsschoener te keuren, die daar gebouwd is.


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in aanbouw per 1 januari 1883:
- Amsterdam: Scheepsbouwmeester J.C. Ceuvel een ijzeren schroefstoomscheepje (bestemd voor de postvaart tussen Harlingen Terschelling en Vlieland) voor passagiers en goederen, een ijzeren plezierstoomjacht en een idem dekschuit groot 40 ton.
Scheepsbouwmeesters Huygens & Van Gelder het composite barkschip CATHARINA groot plm. 1.000 ton wordt gebouwd voor rekening van de heer J. Veth en zal 3 januari te water lopen.
Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen een stoomboot voor de havenstoombootdienst te Amsterdam; een schroefsleepboot voor het Tjuniaveer in Oost-Indië; twee schroefstoomsleepboten voor het Belgische gouvernement; twee raderstoomponten voor de havendienst op Curaçao; een schroefsleepboot voor genoemde dienst; een schroefstoomjacht voor de havenpolitie te Amsterdam; een schroefsleepboot voor de stadsreinigingsdienst te Amsterdam; een idem voor de Prauw-Maatschappij van het eiland Amsterdam te Batavia; een idem voor het Bataviasche Prauwenveer te Batavia en twee schroefstoomschepen voor de vaart op Java, voor rekening van de Stoomvaart-Maatschappij Insulinde alhier, namelijk de KONING WILLEM III en de NEDERLAND EN ORANJE, beide groot ca. 2.500 ton. (bovenstaande opgave bevat al de schepen in 1882 door gemelde fabriek gebouwd en nog in aanbouw zijnde).
J. von Lindern een ijzeren barkschip, genaamd zullende worden F.H. VON LINDERN, groot ca. 1.000 registertonnen, boekhouder de heer F.H. von Lindern Jr., te Alblasserdam.
Jan F. Meursing een composite clipper barkschip TJERIMAI, groot pl.m. 1.000 gemeten tonnen, voor rekening der heren A. Hendrichs & Co., zal in het begin van dit jaar te water lopen, waarna onmiddellijk de kiel zal gelegd worden voor een dergelijk schip van dezelfde grootte, dat zal varen onder boekhouderschap van de bouwmeester, en voorts een ijzeren vaartuig bestemd voor de Wester-Suiker-Raffinaderij.
- Nieuwendam: Scheepsbouwmeester A.H. Meursing een barkschip groot pl.m. 800 registertonnen, gebouwd wordende voor rekening van de bouwmeester, kiel gelegd oktober 1882.
- Fijenoord: Etablissement Fijenoord een driedeks stalen schroefstoomschip EDAM, lengte 330 Engelse voeten, breedte 39 Engelse voeten, holte 31 Engelse voeten, bruto tonnenmaat plm 3.000 ton, ingericht voor 50 kajuits- en 1.000 tussendekspassagiers, met compound machine van plm. 1.800 I.P.K. cilinders van 76”en 43” diameter met 48” zuigerslag voor rekening van de Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij te Rotterdam.
- Vlissingen: Koninklijke Maatschappij De Schelde de stoomschepen BATAVIA en SOERABAJA, beide groot ca. 2.260 ton, gebouwd voor rekening van Rotterdamsche Lloyd.
- Middelsbro: Scheepsbouwmeesters Raylton Dixon & Co., de stoomschepen PADANG en MACASSAR, groot ca. 2.500 ton, voor rekening van de Stoomvaart Maatschappij Insulinde te Amsterdam en het stoomschip SAMARANG, groot ca. 2.260 ton, voor rekening van de Rotterdamsche Lloyd.
- Glasgow: Scheepsbouwmeesters Murdoch & Murray, stoomschip BRINIO, laadt ruim 700 ton, gebouwd voor rekening van D. Burger en Zoon, te Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoping van het Nederlandse galjootschip genaamd AURORA te Harlingen. De notaris D. Cannegieter te Tzum zal op woensdag 10 januari 1883, avonds 5 uur provisioneel en 8 uur finaal bij Fekkes in de Korenbeurs te Harlingen publiek verkopen het snelzeilend galjootschip AURORA, gevoerd door kapt. D. Zwaal, thans liggende in de Noorderhaven te Harlingen, groot volgens meetbrief 138 zeetonnen, geclassificeerd bij Veritas 5.6.G.II en Germanischer Lloyd A. Nader bij biljetten omschreven. Informatiën bij de heren Zeilmaker & Co., Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Waterweg, 1 januari. Uit het gestrande stoomschip FERNHAM, is 150 ton droge rogge gelicht, het achterschip zit geheel onder water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam 31 december 1882. Het Nederlandse schip NIEUW BEERTA, kapt. Houtkoper, is 30 oktober van hier te Amboina aangekomen en volgens een telegrafisch bericht te Ternate gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaar L.W.F. Oudenhoven te Helder zal op woensdag 10 januari 1883, namiddag 2 ure, in het lokaal ’t Centrum aldaar ten overstaan van de notaris P.S. Hordijk in het openbaar verkopen:
- Het Nederlandse barkschip BALTIC, gevoerd door kapt. O. Arnesen, groot 341 registertonnen, met deszelfs staand en lopend want, volledige inventaris en victualie, waarvan de breedvoerige notitiën op franco aanvraag te verkrijgen zijn ten kantore van de heren Van Vliet & Co. en gemelde makelaar. Het schip ligt in de Binnenhaven te Helder, waar het dagelijks te bezichtigen is.
- Het hektjalkschip de ONDERNEMING, groot 81 tonnen, met deszelfs staand en lopend want en verdere inventaris, zoals het te bezichtigen is in het Heldersche Kanaal nabij de Broodsteeg.
Nadere inlichtingen worden gegeven ten kantore van genoemde notaris en makelaar.


03 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 31 december. In 1882 zijn hier aangekomen 880 schepen en vertrokken 440; zijnde respectievelijk 185 en 92 minder dan in 1881.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 januari. Gedurende het jaar 1882 zijn te Amsterdam aangekomen 1.624 schepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 1 januari. Gedurende het jaar 1882 zijn hier aangekomen 511 en vertrokken 431 schepen, tegen respectievelijk 447 en 351 schepen in 1881.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Queenstown, 29 december. Het van San Francisco naar Limerick bestemde, doch uit zee teruggekomen schip GROEN VAN PRINSTERER, kapt. H. van Duyn, had de zeilen verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Uit het gestrande stoomschip FENHAM is 150 ton droge rogge gelicht; het achterschip zit geheel onder water.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Heenvliet, 30 december. Het stoomschip LIMBURG, 54 decimeter diepgaande, is heden namiddag te 3 uur met laag water van Rotterdam vertrokken, zonder stoornis de rivier gepasseerd en te 4 uur 45 minuten met even gerezen water op de Kanaalhaven aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 3 januari. Het stoomschip FENHAM is hedennacht met noordwesten storm totaal wrak geworden; wrakstukken spoelen aan het strand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoek van Holland, 29 december. Het stoomschip FENHAM, van de Zwarte Zee naar Schiedam, is verder op de West geslagen en door de equipage verlaten; bij kalm weder kan de lading en misschien ook het schip nog gered worden.
Van den 30sten. Het gestrande stoomschip FENHAM zit nog op dezelfde plaats en maakt een weinig water. Van de lading is een schuitje gelost; acht sleepboten hebben tevergeefs getracht het schip af te brengen.
Van den 31sten. Het roer is stuk geslagen en het schip maakt meer water; er bestaat weinig hoop om het af te brengen. Men is druk bezig met lossen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 2 januari. De positie van het stoomschip FENHAM is ongunstig, er kan heden niet gelost worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 november. Vrachten. Scheepsruimte neemt voortdurend toe, terwijl meest alle afschepers zich van gelegenheid van hun producten hebben verzekerd. De enkele afgesloten charters tonen een snelle verlaging van de vrachtenmarkt aan en zullen vele schepen in ballast elders hun heil moeten zoeken. Bevrachtingen van Nederlandse schepen kwamen niet tot stand.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: LICHTSTRAAL, MR. JACOB VAN LENNEP, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, NEERLANDS VLAG, JOHANNA EN MARGARETHA, THORBECKE III, AMSTEL, GRAAFSTROOM, KERSBERGEN, JOHANNA MARIA, MARTINA JOHANNA, BATAVIER, THORBECKE II, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN en SLIEDRECHT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Marine. De kanonneerboten No.5 en No.35, op ’s Rijks werf te Hellevoetsluis liggende, komen voor indienststelling niet meer in aanmerking en zijn daarom van de staat der sterkte van de zeemacht afgevoerd.
Aan het departement van marine is bericht ontvangen, dat Zr.Ms. schroefstoomschip LEEUWARDEN, commandant kapt.t.zee Van Woelderen, van Nederland naar Oost-Indië vertrokken, na een reis van 81 dagen over de Kaap de Goede Hoop op zijn bestemming is aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau (Ventspils, Letland). Het Nederlandse schip VOORWAARTS, kapt. Stenger, van hier naar Harlingen vertrokken, zit op de rede vast in het ijs. Van hier uit kan geen assistentie verleend worden, doch mocht echter de daartoe benodigde order worden verkregen, kan men sleepboten van Libau (Liepaja) sturen om het schip in vrij water te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 januari. Het gestrande Nederlandse schip SUCCES, kapt. Potjer, van Pelotas
(Brazilië) naar Noord Amerika, is na de lading gelost te hebben, vlot geworden en naar Pelotas teruggekeerd, zal worden nagezien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 1 januari. Het gestrande stoomschip FENHAM zal vermoedelijk wrak worden, men is nog steeds bezig met het bergen van de lading.


04 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Windau, 29 december. Het te Delfzijl te huis behorend kofschip VOORWAARTS, kapt. J.C. Stenger, van hier naar Harlingen vertrokken, zit op de rede vast in het ijs. Van hier uit kan geen assistentie worden verleend; mocht echter de daartoe benodigde order worden verkregen, dan kan men sleepboten van Libau laten komen om het schip in vrij water te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 1 januari. Volgens een brief van kapt. E.T. Mulder, gezagvoerder van de schoenerbrik CATHARINA, is dit schip van Rio Grande naar Montevideo bestemd, om vandaar weder met eene lading stukgoed naar Rio Grande te vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoek van Holland, 1 januari. Het gestrande stoomschip FENHAM zal vermoedelijk wrak worden; men is nog steeds bezig met het bergen van de lading.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 2 januari. Het gestrande schip SUCCES, kapt. A.B. Potjer, van Pelotas naar Noord-Amerika, is na de lading gelost te hebben vlot geworden en naar Pelotas teruggekeerd; zal worden nagezien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 2 januari. Hier zijn aangekomen gedurende 1882: 483 schepen tegen 526 in 1881; vertrokken in 1882: 481 tegen 512 in het vorig jaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een best bejaard hektjalkschip met completen inventaris, groot 102 ton, liggende te Groningen. Adres Turfsingel 136, L. Kuiper. Desverkiezende kan een gedeelte der koopschat er over beleend blijven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 januari. Ten overstaan van den notaris Van Starkenborgh werd gisteren avond publiek te koop gepresenteerd: Het overdekt tjalkschip, genaamd AFIENA, groot 62 ton, met volledigen inventaris, liggende bij de Ebbingebrug, bevaren door L. van Dijk; verkocht voor NLG 1800.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 3 januari. Hedenmorgen is van de werf Frederiksoord van de bouwmeester G.H. Uitdenbogaardt met het beste gevolg van stapel gelaten het nieuw gebouwde loggerschip GIJSBERTHA, bestemd ter haring- en kabeljauwvisserij, zullende varen voor rekening van de heren Spuybroek en Uitdenbogaardt alhier.
Onmiddellijk daarna werd de kiel opgehaald voor een soortgelijk te bouwen vaartuig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 januari. Aan de werf Concordia van de heren Huijgens & Van Gelder alhier is heden middag ten 1 ure met het beste gevolg te water gelaten het aldaar aangebouwde barkschip CATHARINA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 2 januari. Volgens een brief van kapt. Mulder, gezagvoerder van de Nederlandse brik Catharina, is van Rio Grande naar Montevideo bestemd, om vandaar weer met een lading stukgoederen te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 2 januari. Volgens een ontvangen telegram is de Nederlandse kof VOORWAARTS, van Windau naar Harlingen, met balken geladen bij Sermaton (opm: mogelijk Samate, Letland) gestrand. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 3 januari. Volgens een ontvangen telegram is de Nederlandse kof VOORWAARTS, kapt. Stenger, op de reis van Windau naar Harlingen verongelukt. De bemanning is behouden te Libau aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande. Het scheepvaartverkeer alhier is thans zeer bevredigend, de dienst op het kanaal is veel verbeterd en er is steeds gelegenheid om binnengebracht of naar zee gesleept te worden. In de maand november passeerden 121 schepen de baar en van 1 oktober tot 30 november 303 schepen, welke alle zonder het minste ongerief het kanaal op- en afgingen. Enige dagen geleden peilde men ruim 11 Braziliaanse voet, hetgeen sedert jaren niet het geval was geweest, zodat schepen met een diepgang van 10 voet kunnen binnenkomen, en met 9¾ kunnen uitgaan.
In vrachten is het zeer stil, daar er weinig produkten ter verscheping voor handen zijn. Gecharterd werden onder anderen de IDA EN JOHANNA, kapt. Doewes, en de TASMANIA, kapt. Schuth, beide met beenas naar het Kanaal tot 40 shilling, voorts de SPRUIT, kapt. De Jonge, van Porto Alegro met tabak naar Lissabon voor order GBP 400 in eens af. In de haven liggen althans onbevracht 18 schepen.


05 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Martin de Ré, 31 december. Het Nederlandse schip ELIZABETH, kapt. De Jong, van Bordeaux naar Gent, met schade alhier binnen, heeft de reparatie geëindigd, de geloste lading weer ingenomen, en wacht op gunstige gelegenheid om de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 2 januari. Heden is met goed gevolg van het etablissement Fop Smit, scheepsbouwmeester L. Smit & Zoon, te water gelaten de raderstoomboot QUEEN, gebouwd voor rekening van de heer James Watson te Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 januari. Volgens een rapport van het stoomschip P. CALAND, vertrok het de 20e december laatstleden van New York en had in het begin flauwe koelte variërend tussen Noord en Noordoost, later stijve koelte van het Noorden, daarna Oost, Zuidoost, Zuid en Westenwinden met zware mist. Zagen 23 december namiddags 16.00 uur, op 41º41’ NB 58º52’ WL een scheepsboot met platte spiegel gelijk met de oppervlakte van het water drijven, het bovenste gedeelte was er afgeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 4 januari. Een omgekeerde boot is hier opgevist, van een op de rede liggend schip, waarvan vier matrozen worden vermist. Het is echter niet uitgemaakt of men hier aan het verongelukken van die vier personen moet denken, dan wel aan een list om hun desertie verborgen te houden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoek van Holland, 3 januari. Het gestrande stoomschip FENHAM, van de Zwarte Zee naar Schiedam, zit onder water.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende het jaar 1882 zijn te Nieuwe Diep binnengekomen 463 schepen, tegen 591 in 1881; – te Helvoet 905 schepen, tegen 1123 in 1881; – te Maassluis 3251 schepen, tegen 2945 in 1881; – te Brouwershaven 378 schepen, tegen 332 in 1881; – en te Zierikzee 56 schepen, tegen 48 in 1881.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwe Diep, 3 januari. Het lichtschip TERSCHELLINGERBANK, hetwelk in den laatsten Octoberstorm belangrijke schade bekwam en aan 's Rijkswerf alhier ter reparatie werd opgenomen, is thans zover hersteld, dat men denkt in de loop der volgende week gereed te zullen komen om weder naar het station Terschellinger gronden te worden gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 1 januari. In de oude haven vertoefden de schoenerbrik CATHARINA, kapt. Sap, en de kof GEZIENA, kapt. Bontekoe; in de Geestemünder haven de kof JANTINA HENDRIKA, kapt. Texer.


06 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 22 december. Het schip JOHANNA, kapt. Brinkema, gisteren hier van Antwerpen aangekomen, rapporteert op de 8ste december een hevigen storm uit het N.W. doorgestaan te hebben, waardoor verschillende zeilen verloren gingen en den 17den december op 40º 16' N.B., 63º 16' W.L. door een orkaan uit het W.N.W. te zijn belopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 4 januari. Het gestrande stoomschip FENHAM zit met eb ongeveer acht voet onder water.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Windau, 30 december. Hedenmorgen geraakte bij Z.O. wind het ijs op de rede in beweging en is de VOORWAARTS, kapt. J.C. Stenger, naar zee gegaan. (zoals reeds werd medegedeeld, is dit schip later bij Sermaten gestrand)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Wegens sterfgeval wordt te koop aangeboden een tjalkschip met volledige inventaris, groot 77 ton, 8 jaar oud. Te bevragen en te bezichtigen bij de weduwe Spinder, liggende aan de Prins Hendrikkade tusschen de Kalkmarkt en de Schipperstraat te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 januari. Gisteren is van de werf Concordia van de heren Huijgens & Van Gelder, met goed gevolg te water gelaten het barkschip CATHARINA, groot 1.000 ton, gebouwd voor rekening van den heer J. Veth en gevoerd zullende worden door kapt. G. Bona.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 januari. Niet alleen zijn er veel vaten petroleum langs het strand aangespoeld, doch tevens is veel wrakhout en stuwhout aangedreven. Vermoedelijk is niet ver van de wal een met petroleum beladen schip gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 25 november 1882. Het Noorse barkschip BJARKE, kapt. Johnsen, van Soerabaja naar Stockholm, bevond zich op 4 november tussen Lombok en Noesa Pandita en geraakte op de rotsen, binnen het uur was het schip bijna vol water, de equipage is alhier 22 november aangekomen met achterlating van alles.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 januari. Het Nederlandse schip JUDITH, kapt. Visser, van New York te Gibraltar aangekomen, heeft order bekomen voor Triëst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tegen alle verwachting vernemen wij een paar dagen geleden dat niet de WATERGEUS, maar de BANKA ter vervanging van de BORNEO naar Indragiri zal worden gezonden, terwijl de WATERGEUS reeds naar Pontianak gedirigeerd is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Martin de Ré, 31 december. De Nederlandse schoener ELISABETH, kapt. De Jonge, op de reis van Bordeaux naar Gent, met schade hier binnen gelopen, heeft die hersteld en zal met de eerste gunstige gelegenheid de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 4 januari. De gezagvoerder van de Nederlandse schoener JAN ROELOF, hier van Holmstad aangekomen, rapporteert dat hij bij Aberdeen op de 17de december de zee moeilijk, en de zee zo hevig was, dat hij genoodzaakt werd een groot gedeelte van de deklast overboord te werpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 5 januari. De inventaris en de victualie van het gestrande schip LEONARD, van Hamburg naar Batavia, hebben in veiling ruim NLG 5.000 opgebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Hellevoetsluis, 5 januari. Zr.Ms. brik ZEEHOND, voor de zeedienst afgekeurd, is op heden buiten dienst gesteld. État-major en equipage zullen overgaan op het schroefstoomschip MARNIX.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlie, 4 januari. Het wrak en de inventaris van het hier gestrande schip GRAFIN KRASOW, kapt. Schlor, van Koningsbergen naar Sables d'Olonne, hebben in veiling NLG 800 opgebracht.


07 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 5 januari. De lading battens van de Nederlandse brik CONFIANCE, die 7 dezer vol water hier binnen kwam, en in lichters gelost was, is nu overgescheept aan boord van het schip WOODSTOCK, naar Gent ladende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 3 januari. Binnen weinige dagen zal een begin worden gemaakt met de reparatie van het Nederlandse schip BORDEAUX PACKET, kapt. P. Hoekstra. Tegen het einde van de week zal de toewijzing plaats hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 6 januari. De inventaris van het gestrande stoomschip FENHAM wordt geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 januari. Volgens een particulier bericht is op het Nederlandse schip JOHANNA JANTINA, kapt. H.Luken, te Delfzijl liggende, wegens oude schuld beslag gelegd.


08 januari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 8 januari. In het afgelopen jaar zijn 1.468 zeil- en 322 stoomschepen verongelukt, metende respectievelijk 410.375 en 220.951 tonnen.
Hieronder zijn 130, die door aanvaring zonken, 143 die op zee werden verlaten en 10 die op zee zijn afgebrand.
Bij genoemde zeerampen kwamen 4.129 mensen om het leven en gingen 301.200 ton koopmanschappen verloren, waaronder 21.405 ton graan en 73.621 ton kolen.
Van de verongelukte schepen voeren 719 zeil- en 226 stoomschepen onder Engelse vlag; alleen al op de Engelse kust verongelukten 576 schepen.
Gedurende de laatste 5 jaren zijn op zee 20.763 mensen omgekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 5 januari. De inventaris en victualie van het gestrande schip LEONARD, van Hamburg naar Batavia, hebben in veiling opgebracht ruim NLG 5.000.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sunderland, 4 januari. Kapt. T. Boekhold, gezagvoerder van de schoener JAN ROELOF, hier van Holmstad aangekomen, rapporteert dat bij Aberdeen op den 16den december de zee zo moeilijk en de storm zo hevig was, dat hij genoodzaakt werd een groot deel der deklast overboord te werpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. Aangaande het Nederlandse schip BATAVIER, kapt. Wiebenga, vertrekt op order van de rederij naar de Golf van Bengalen.


09 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam,. Het Nederlandse schip RIENKO, kapt. K.C. Koenen, van Malaga naar St. Petersburg, is met overgeworpen lading te Kopenhagen binnen gelopen. Het zal moeten lossen en herstuwen.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Heden is van Soerabaija naar Bima vertrokken het Nederlandse barkschip BANKA, thans genaamd SARIE BIMA en gevoerd door kapt. Pakka.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bordeaux, 3 januari. Binnen weinige dagen zal een begin worden gemaakt met de reparatie van het schip BORDEAUX-PACKET, kapt. P. Hoekstra. Tegen het einde der week zal de toewijzing plaats hebben.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 8 januari. In het afgelopen jaar zijn te Dantzig binnengelopen 2.123 schepen, tegen 1.640 schepen in 1881. Vertrokken zijn 2.080 schepen, tegen 1.711 schepen in 1881. Uit Nederland kwamen 33 schepen en 51 schepen kwamen hier aan onder Nederlandse vlag. Naar Nederland vertrokken 74 schepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 7 januari. Het schip MERAPI, kapt. H.J.E. Welman, van Passaroeang naar Amsterdam, 85 dagen reis van Anjer, 34 dagen van St. Helena, is gisteren in het Engels Kanaal beloodst.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 7 januari. Aangaande het te Groningen te huis behorend schoenerschip HAZARD, kapt. F.K. Riks, den 3den november l.l. van West-Hartlepool naar Gothenburg vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 6 december. Het schip BATAVIER, kapt. J. Wiebenga, vertrekt op order der rederij naar de Golf van Bengalen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 8 januari. Te Dantzig lag op 31 december ter overwintering o.a. het Nederlandse schip HARLINGEN, kapt. Penner.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 8 januari. De alhier geborgen inventaris van het op de Ooster gestrande en later uit elkander geslagen schip CARL AUGUST, kapt. Sieverts, van New York naar Rotterdam, heeft in publieke veiling NLG 2.660 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau, 7 januari. Het bij Felixberg (opm: Jūrkalne, 57°00’NB 21°23 OL), tussen hier en Libau gestrande Nederlandse schip VOORWAARTS, kapt. Stenger, heeft de masten gekapt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. S. Oolgaardt, I. F. L. Meijes & A. Vinke, makelaars, zullen als lasthebbende van hunnen principaal, ten overstaan van de notaris A. D. I. T. Meijjes, op maandag 29 januari 1883 in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, des namiddags ten 3 ure, in veiling brengen het extra welbezeild gezinkt Nederlandse schoener brikschip PERSA, laatst gevoerd door kapt. B. Klip, volgens Nederlandse meetbrief lang 27,10 meter; wijd 6,55 meter; hol 3,27 en alzo gemeten op 391,71 kubieke meter of 138,27 tonnen netto, en zulks met al deszelfs toebehoren en inventaris, als bij biljetten omschreven.
Genoemd schip is geklasseerd bij de Engelse Lloyd in april 1880, A 1 rood voor 5 jaren, en destijds nieuw gezinkt.
Ligt dagelijks ter bezichtiging aan de werf het Witte Kruis, Kleine Kattenburgstraat.
Nadere informaties te bekomen bij bovengenoemde makelaars en de cargadoors
Oolgaardt & Bruinier.


10 januari 1883


  JB - Javabode

Batavia, 10 januari. Volgens telegram der Maatschappij Nederland aan de agenten alhier, ondervond de VOORWAARTS een oponthoud te Marseille wegens reparatie aan de machine. Het is de 5e januari van Marseille naar Batavia vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 9 januari. Te Danzig lag op de 31ste december ter overwintering o.a. het schip HARLINGEN, kapt. Penner.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 2 december 1882. Het wrak met het weinige dat van het in Straat Bali verongelukte schip BJARKE gered werd, is voor NLG 234 en de lading voor NLG 25 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Vrijdag 12 januari 1883, ten 11 ure, zal, aan de zuidzijde van de haven te Maassluis, publiek worden verkocht het wrak van het Engelse stoomschip FENHAM, laatst gevoerd door kapt. Robertson, zoals het zich thans bevindt in de monding van de
Nieuwe Waterweg. Alsmede zeilen, touwwerk, ketting, lantaarns, kompassen, koperwerk enz.
Informatiën bij Mr. L. Reeser te Maassluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Door de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij is een nieuw stoomschip besteld aan de fabriek De Maas, onder beheer van de heer Lucardie, te Delfshaven.
Voor de Maatschappij Insulinde is een schip aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen, directeur J. M. van der Made, in aanbouw.


11 januari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Liverpool, 9 januari. Het schip GODELEVUS, kapt. Reit, met beenas van Rio Grande naar Runcorn, geraakte 6 dezer, gesleept wordende, aan de grond, dwars van Western Point, stootte hevig en maakte water; is sedert vlot gekomen en naar Runcorn gesleept.


  AH - Algemeen Handelsblad

Port Elisabeth, 16 december. FELICIA. De nieuwe fokke- en grote mast zijn nu geplaatst, zonder enige lading te lossen, en men gaat met de verdere reparaties voort.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 10 januari. Heden werd alhier geveild het Nederlandse barkschip BALTIC, gevoerd door kapt. O. Arnesen, groot 341 registertonnen, met het staand en lopend want en volledige inventaris en victualie. De heer L.W.F. Oudenhoven alhier werd koper voor NLG 3.440.


  AH - Algemeen Handelsblad

Op woensdag 3 januari vertrok van hier het stoomschip STELLA, kapt. W.J.C. ten Harmsen, met lading naar New York en bevonden zich bovendien aan boord 51 volwassenen personen, 26 kinderen van 1-10 jaar, 1 zuigeling en 1 kajuitspassagier, alzo 79 zielen.
Heden, 10 januari, vertrok het stoomschip CASTOR, kapt. J.R. Visser, met lading en de navolgende landverhuizers: 73 volwassen personen en 29 kinderen van 1-10 jaren, 3 zuigelingen en 5 passagiers 2e klasse, tezamen 110 zielen. Begunstigd door schoon winterweer, verliet dit stoomschip om half twaalf de Handelskade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Mulder, van Suriname, laatst van Londen, is van zijn ankers geslagen en op Maplin Sands aan de grond geraakt, doch sedert met assistentie te Sheerness binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 10 januari. Van de werf, toebehorende aan de scheepsbouwmeester L. van Dam alhier, is met goed gevolg te water gelaten de logger CLASINA, voor rekening van de heer G. den Dulk te Scheveningen, bestemd voor de haringvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip JOHANNA JANTINA, kapt. Luken, Delfzijl, ontheven van het opgelegde beslag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 8 januari. De Nederlandse schoener TAMMO SYTZE, kapt. Wekenborg, zal hier overwinteren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 10 januari. Het Nederlandse galjootschip AURORA, groot 138 registertonnen, gebouwd in 1858, bevaren geweest door kapt. Zwaal, is heden publiek geveild voor NLG 2.251. Koper werd de heer Plant de Visser te Schiedam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 10 januari. Het hektjalkschip de ONDERNEMING, groot 81 ton, met staand en lopend want, werd heden alhier in veiling opgehouden voor NLG 1.500.


12 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 11 januari. Te Papenburg overwinteren de Veendammer kof AUKJEN GEPKELINA, kapt. J.H. de Vries, en de Delfzijlster galjoot EPPIENA, kapt. H. Leeuw.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 9 januari. In winterlaag liggende schepen: ANNA GESINA, kapt. Janssen,; CATHARINA, kapt. Janssen; DELPHIN, kapt. Focken; FAMILIE, kapt. Haak; 2 GEBRÚDER, kapt. Busschen; HERMANN, kapt. Rosendahl; JOHANN, kapt. Lubben; MARIA, kapt. Hinrichs; MIRJAM, kapt. Lukken; MARGARETHA, kapt. Warrings; VORWARTS, kapt. Temmen, en JOHANNA MARGARETHA. Wind zuidoost, Op het wad is enig drijfijs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 11 januari. Te Leer overwinteren de schoenerbrik LUDOLFINA JANTINA, kapt. Schoon uit Pekela; de schoener PLEYADEN, kapt. de Jonge uit Wildervank, en de schoener brik VERTROUWEN, kapt. Nieboer uit Pekela.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse barkschip SOERABAYA, kapt. Haasnoot voor de 9de januari, van Rotterdam te Soerabaja aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van den 9den. Het te Pekela te huis behorend schoenerschip GODOLEVUS, kapt. H.B. Reit, van Rio Grande naar Runcorn met beenderasch en hoorns, is de 6de dezer bij Westernpoint aan den grond geraakt terwijl het gesleept werd. Het schip is zwaar ontzet en lek te Runcorn binnengesleept.


13 januari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 11 januari. Volgens particuliere mededeling van Terschelling ontvangen, heeft de gezagvoerder van het onlangs te Vlieland gestrande Russische barkschip LEONARD bij de Arrondissementsrechtbank te Leeuwarden machtiging verzocht tot verkoop van de in meer of mindere mate beschadigde staat geborgen lading uit bovengenoemd schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 12 januari. Volgens een heden ontvangen telegram is het barkschip ALCMARIA VICTRIX van Bangkok te Batavia aangekomen, hebbende een voorspoedige reis en alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op vrijdag 19 januari aanstaande, des namiddags ten twee ure, in het hotel De Toelast, te Nieuwendiep, ten overstaan van de deurwaarder J. M. van der Wal Cz., van het kopervaste Noorse brikschip ABSOLUT VETO, gevoerd bij kapt. Henrik E. Aas, groot 293 register tonnen en in 1882 geclassificeerd A2 voor 3 jaren, Noorse Veritas; zoals hetzelve thans zonder masten is liggende in de Binnenhaven, nabij de scheepswerf De Lastdrager, te Nieuwediep.
Voorts twee kettingen, ieder ongeveer 60 vadem, 1 tuiketting ongeveer 60 vadem, 14 stuks zeilen, 1 anker, p. m. 850 kilo, 1 werpanker, p. m. 125 kilo; en wat verder tot de inventaris van voormeld schip behorende, zal worden aangeboden en vanaf maandag 15 januari aanstaande te bezichtigen zal zijn op de Scheepswerf De Lastdrager.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In het Spaarne, even buiten Haarlem, liggen twee stoombaggervaartuigen, die ten volle verdienen dat er de aandacht op wordt gevestigd. Zij zijn naar de plannen van de heren Gebr. Figée te Haarlem in hunne fabriek vervaardigd, voor rekening van het departement van koloniën en voor Indië bestemd. Zij dragen de namen SOLO RIVIER No.1 en 2.
Hunne bijzondere inrichting, o.a. een persinrichting, is een bewijs dat er ook op dit gebied vooruitgang is. Elk vaartuig bestaat uit 9 secties, zo verdeeld dat elke sectie haar bijzondere bestemming heeft. Onderling zijn deze, boven de lastlijn, verbonden door moerbouten, zodat, wanneer de beproeving zal hebben plaats gehad, het vaartuig, te water liggende, uit elkander genomen kan worden en daardoor gereed is ter verscheping. Dit geeft voor het ineen zetten mede een groot voordeel, hetwelk in Indië alzo evenzeer te water kan geschieden.
De hoofdafmetingen van zulk een vaartuig zijn: lengte 34 meter, wijdte 6,85 meter en holte in de zijden 2,32 meter. De secties voor ketel en machine bestemd, zijn door een weg te nemen koelkast verhoogd.
Het is geschikt om op 7 meter diepte, p. m. 1.000 m³ grond te baggeren en op 200 meter lengte bij 2 meter hoogte weg te persen.
Desverkiezend kan men daarmede op 2 meter afstand van het vaartuig en op 1 meter boven water de grond wegnemen, waartoe de emmerlader gemakkelijk kan worden versteld.


14 januari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Kopenhagen, 10 januari. Het Nederlandse schip JOHAN HEINRICH, kapt. Uitvlugt, van Windau naar Schiedam, alhier lek en met verstopte pompen binnengelopen, heeft heden, na volbrachte reparatie, de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het op ’s Rijks werf te Amsterdam in aanbouw zijnde schroefstoomschip 4e klasse SOMMELSDIJK zal, na te Willemsoord onder stoom beproefd te zijn, te Hellevoetsluis in conservatie worden opgenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 9 januari. Heden is aan de werf van Cs. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten een schoefstoomboot, genaamd STORMPOLDER II, voor rekening van de heer F.F. Geiseler te Rotterdam. (opm: de boot kreeg een 20 PK Burgerhoutmachine)
Daarna werd de kiel gelegd voor een ijzeren Rijnzeilschip (opm: DE TIJD LEERT ALLES), groot 160 last, voor rekening van de heer Th. Joosten te Millingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het Nederlandse barkschip MEDEA, kapt. Schall, op 29 december laatstleden van Cardiff te Atjeh gearriveerd, na een reis van 104 dagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 13 januari. Het schip dat gisteren op de Eems in het ijs is vastgeraakt, is de Duitse kof JANTINA, kapt. Boelens, met hout van Krageroe naar Norden. Het zit nog in de bocht van Watum, assistentie wordt verleend door mannen die het schip over de ijsschotsen hebben bereikt.


15 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 januari. Volgens hier ontvangen telegram is het stoomschip W.A. SCHOLTEN, kapt. G.J. Vis, van de Rotterdamsche Lijn, eergisteren, na een reis van slechts 11 dagen, te New-York aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 januari. Te Pillau overwintert de Winschoter schoener BELLE, kapt. W.B. Eefting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. A. D. Strumphler, H. Tollenaar en A. Vinke, makelaars, zullen als lasthebbende van hunne principalen op maandag 29 januari 1883, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, bij opbod en afslag verkopen het extraordinair welbezeild gezinkt galjootschip ZEEHOND, laatst gevoerd door kapt. W. Botje, varende onder Nederlandse vlag en gemeten op 477,73 kubieke meter of 168 tonnen. Breder bij biljetten omschreven; het schip ligt aan het Oosterdok alhier.
Nadere inlichtingen bij bovengenoemde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op vrijdag 19 januari a.s., des namiddags ten half drie ure, in het hotel de Toelast, te Nieuwediep, ten overstaan van de deurwaarder J. W. van der Wal Cz., van het Noorse barkschip ERSTATNING, gevoerd door kapt. K. Ostenberg, groot volgens meetbrief 185 register tonnen, met al deszelfs staand- en lopend want, zeilen, ankers, kettingen, blokken, lantaarns, kompassen, 1 scheepsblok, 1 vlet en verdere bootsman- koks- en kajuitsgoederen enz.
Het voormelde schip is liggende in de Binnenhaven nabij de scheepswerf De Lastdrager te Nieuwediep, en de inventaris op een der terreinen, nabij genoemde werf, en aldaar vanaf dinsdag eerstkomend te bezichtigen.
Nadere informatie te bekomen ten kantore van de heren Amons & Co., en te Helder bij voornoemde deurwaarder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 januari. Het schip ADELAAR, kapt. De Boer, van Sunderland met steenkolen naar Lissabon is lek te Falmouth binnen gelopen.


16 januari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 15 januari. Volgens telegrafisch bericht bij de rederij ontvangen, is de lekkage van het te Falmouth binnengelopen schoenerschip ADELAAR, in het bovenschip ontstaan, kan het waarschijnlijk zonder lossen repareren, en de reis naar Lissabon voortzetten.
Een later ontvangen bericht meldt, dat men bezig is de inventaris te bergen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 januari. Het schip JANTINA, kapt. Boelens, van Kragerö naar Norden met hout, zit, volgens alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen telegram, bij Delfzijl vol water in het ijs. Men zal trachten het schip in de haven te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 13 januari. Het lichtschip TERSCHELLINGERBANK is heden van hier naar de Terschellinger gronden vertrokken, gesleept door de sleepboot HERCULES.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 13 januari. Het schip ENJETTA, kapt. J. Duit, van Rio Grande te Runcorn aangekomen, heeft bij laatstgemelde plaats op strand gezeten.


  JB - Javabode

Batavia, 16 januari. Heden is het Nederlands-Indische stoomschip KONSUL-GENERAAL READ, kapt. De Padua, van hier naar Cheribon vertrokken. (opm: eerst gevonden vermelding van dit schip, ex-EASTERN ISLES)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Engelse Engineer van 5 dezer bevat het slotartikel der serie beschrijving en tekeningen der machines, stoomketels, enz. van het stoomschip LEERDAM, gebouwd door de Nederlandsche Stoombootmaatschappij op haar etablissement te Fijenoord.
In haar eerste artikel, opgenomen in het nummer van 22 september 1882, had de redactie reeds gezegd:
De machines kunnen de vergelijking doorstaan met de beste typen van machines voor zeestoomschepen in ons land gemaakt. Gedurende de laatste vijftien jaren werden alle stoomschepen door de Nederlandsche stoomvaartmaatschappijen in Engeland en Schotland besteld, en de enige stoomschepen, die gedurende dat tijdvak op het etablissement der Nederlandsche Stoombootmaatschappij te Fijenoord werden gebouwd, waren voor de Nederlandsche marine, of voor haar eigen dienst tussen Rotterdam en Londen.
De directie dezer maatschappij, willende tonen dat zij in het maken der zeestoomschepen de concurrentie tegen de Engelse firma’s kon aanvaarden, besloot het stoomschip NEDERLAND voor eigen rekening te bouwen en in dienst te nemen voor Oost-Indië; doch kort voor de voltooiing van de bouw meende zij het met beter vooruitzicht te kunnen gebruiken ter opening ener nieuwe lijn op Baltimore.
De NEDERLAND deed haar eerste reis naar Baltimore in augustus 1881, in alle opzichten met goed gevolg. Zij weerstond de vreselijkste stormen van de vorige winter, en gaf zulke bewijzen van soliditeit, dat de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij het schip voor haar vaart op New-York kocht, veranderende de naam in LEERDAM.
Na de daarop gevolgde artikelen (in de afleveringen van 13 en 21 oktober en 17 november) resumeert de redactie thans haar oordeel over het gehele werk aldus:
Deze gehele machinerie, gebouwd door de Nederlandsche Stoombootmaatschappij op haar etablissement te Fijenoord, wel bekend bij vele lezers van de Engineer, draagt de kenmerken van een uitmuntend plan en bewerking, en wij vertrouwen dat in ieder geval onze jongere lezers bij een aandachtig onderzoek dezer gravures, vervaardigd naar een voortreffelijk stel tekeningen, ons welwillend door de makers verstrekt, ten opzichte van machines voor zeestoomschepen er iets uit zullen leren.
Deze uitspraken van zo bevoegde zijde bevestigen opnieuw, dat de Nederlandsche industrie op het gebied van scheeps- en machinebouw ten volle in staat is om te wedijveren met het buitenland. Ook de ondervinding heeft dit geleerd. Als een enkel voorbeeld daarvan kan een mededeling dienen betreffende een reis der HOLLANDIA, zijnde het eerste hier te lande gebouwde stalen zeestoomschip en vervaardigd op het etablissement Fijenoord. Van dat schip, met een laadvermogen van ruim 2.000 ton en compoundmachines van 750 indicatieve paardenkracht, is de kiel gelegd de 8e maart l.l., waarna het de 29e december geheel ledig van hier naar Bilbao op reis is gegaan.
Bij de aankomst aldaar schreef de gezagvoerder:
Van de Waterweg tot hier (Bilbao) ontmoette ik een harde westelijke wind, vergezeld van hoge zee, waarin de HOLLANDIA zich deed kennen als een eminent zeeschip.
Toen in het Engelsche Kanaal andere licht geladen stoomschepen rechtsomkeert maakten en een schuilplaats achter Dungeness zochten, hielden wij nog gelijke vaart met goed beladen schepen en maakten 4 mijl per wacht. Na Heysant gepasseerd te zijn, hadden wij de wind en zee ruimer en maakten toen met de zeilen bij ruim 10 mijl per wacht. Ik veronderstel, dat dit bij gunstig weer de regular speed zal zijn. Het kolenverbruik is ongeveer 14 ton per etmaal. De machines werkten het gehele traject goed en alles in orde.
Bij deze gelegenheid menen wij te moeten herinneren, dat in het afgelopen jaar op de Nederlandsche werven zijn gebouwd: de ZAANDAM, evenals de HOLLANDIA door de Nederlandsche Stoombootmaatschappij alhier; de MONICA voor Engelse rekening door de Maatschappij De Maas te Delfshaven, en de BATAVIER, door de firma P. Smit Jr. te Slikkerveer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 14 januari. Uit het verslag van het zeemanscollege De Groninger Eendracht over 1882 blijkt, dat in dat jaar slechts 1 schip verloren ging, en geen van de gewone leden is overleden. Er wordt dan ook de minimum- contributie (NLG 15 van de gewone leden) gevorderd. Aan 6 jongelingen werd een uitrusting verstrekt om zeewaarts te kunnen gaan. Met algemene stemmen werd in de algemene vergadering van het college, op 12 dezer gehouden, besloten, dat voortaan aan de weduwen of kinderen van overleden gewone zeevarende leden, in plaats van NLG 500, NLG 1.000 zal worden uitgekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 januari. De hier aangedreven vaten petroleum zijn vermoedelijk afkomstig van het in december laatstleden bij Brouwershaven verongelukte schip CARL AUGUST.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Het Nederlandse schip JANTINA, kapt. Boelens, van Krageroe naar Norden met hout, zit vol water bij Delfzijl in het ijs. Men zal trachten het schip bij Delfzijl binnen te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 15 januari. De lekkage van het alhier lek binnen gelopen schip ADELAAR, bevindt zich in het binnenschip en behoeft men de lading niet te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Volgens een particulier bericht heeft het schip ANNA EN BERTHA, kapt. Wijtsma, van Amsterdam te Suriname aangekomen, zwaar stormweer doorstaan, waardoor schip en lading enigszins werden beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 januari. Volgens een telegram is het schip GROEN VAN PRINSTERER heden te Limerick aangekomen.


17 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 december. Vrachten. De aangeboden scheepsruimte blijft de behoefte overtreffen en heeft men reeds lagere koersen geaccepteerd. De laatste afdoeningen van Nederlandse schepen waren als volgt: stoomschip ZEELAND koffie tot NLG 85, thee NLG 80, huiden NLG 120 per last naar Rotterdam, en Ffrs 85 per ton voor suiker naar Marseille; stoomschip PRINSES AMALIA NLG 90 voor koffie, NLG 110 voor huiden, NLG 40 voor tin per last naar Amsterdam. De JOHANNA MARIA ligt in lading tot NLG 30 voor suiker, koffie en peper naar Rotterdam.
Lossende en onbevrachte schepen: LICHTSTRAAL, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, NEERLANDS VLAG, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, SLIEDRECHT, JOHANNA EN MARIA en NIEUWE WATERWEG I.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het onder Duitse vlag varende kofschip JANTINA, kapt. Boelens, waarvan reeds vroeger is vermeld als op de Eems in het ijs vastgeraakt, zit thans aan de zeedijk onder de gemeente Bierum; het schip heeft veel door het ijs geleden, is vol water, de deklast heeft men over boord geworpen, terwijl de zeilen en een gedeelte van de inventaris zijn geborgen; blijft de ingevallen dooi aanhouden, dan zal men trachten het schip te Delfzijl binnen te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Het Nederlandse stoomschip ETNA, van hier naar Reval, is volgens een ontvangen telegram te Libau binnen gelopen, omdat de haven van Baltishport met ijs was bezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Volgens een brief van kapt. R. Rab, voerende het Nederlandse schip TRIPLEX van Geffle te Cette gearriveerd, had hij sedert zijn vertrek van Brest, met zulke zware stormen te kampen gehad, zoals hij op zijn veelvuldige zeereizen nog niet had ondervonden. Tussen 8 en 11 januari waren bij Cette vier zeil- en drie stoomschepen gestrand.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 16 januari. Volgens particulier telegram van Terschelling, is men nog wachtende op autorisatie van de arrondissementsrechtbank te Leeuwarden, tot verkoop der geborgen lading stukgoederen uit het Russische schip LEONARD.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 15 januari. De hier aangedreven vaten petroleum, zijn vermoedelijk afkomstig van het in december ll. bij Brouwershaven verongelukte schip CARL AUGUST. Een plank met die naam, alsmede een hoofd van het luik waarin de nummers en letters van gemeld schip zijn ingebrand, is hier mede aangedreven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 15 januari. Volgens telegrafisch bericht, bij de rederij ontvangen, is de lekkage van het te Falmouth binnengelopen schoenerschip ADELAAR, kapt. R.N. de Boer, in het bovenschip ontstaan, kan het waarschijnlijk zonder te lossen repareren en de reis naar Lissabon vervolgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 15 januari. Volgens een bij de rederij ontvangen schrijven van kapt. Wijtsma, voerende het barkschip ANNA EN BERTHA, van Amsterdam den 6den december te Suriname binnengekomen, heeft het schip gedurende de reis met zware stormen te kampen gehad, waardoor schip en lading enige schade bekomen hebben.


18 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 16 januari. Het schip JANTINA, kapt. D.D. Boelens, zit thans bij Hoogwatum (no. 16) aan de dijk en is zwaar lek. Een gedeelte der zeilen en tuigage is hier aangebracht. Men is bezig de lading hout te lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Richmond, 31 december. Het hier van Suriname aangekomen schoenerschip HINDERK ROBERT LEEMHUIS Sr., kapt. P.A. Rentema Dz., is met een lading meel naar Rio Grande do Sul bevracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 12 januari. De schoener FENNA, van Hamburg naar Porto Allegro, die hier met schade door het ijs veroorzaakt binnenliep, is naar de rede gesleept om de geloste kruitlading weder in te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 16 januari. Uit Atjeh bericht men met een gevoel van waardering de aankomst per stoomschip INSULINDE van 30.000 sigaren, 1.800 kilo tabak, pijpen naar evenredigheid, en zeep, alles bestemd voor het leger.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 16 januari. De ADA VAN HOLLAND zou heden de dienst weder hervatten, maar zware mist verhinderde zulks. De overtocht werd met het beste gevolg per ijsvlet volbracht. (opm: dit stoomschip onderhield de dienst tussen Nieuwediep en Texel)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Soerabaija direct ligt te Rotterdam in lading het nieuw gebouwd Nederlands ijzeren barkschip LOTOS, kapt. I. G. Wiebenga. Spoedige expeditie.
Adres de cargadoors Kuyper van Dam & Smeer en Vroege & De Wijs.
(opm: eerste reis.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 16 januari. Het schip MISSISSIPPI, kapt. Roer, van Bezoeki met suiker, is hier aangekomen met verlies van voorsteng en voorbramsteng met de ra’s enzovoort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 17 januari. Van particuliere zijde wordt bericht dat het schip ADELAAR, kapt. De Boer, genoodzaakt was Falmouth binnen te lopen, na drie dagen zwaar stormweer doorstaan te hebben De boot en watervaten gingen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 9 december 1832. Het schip CAPE OF GOOD HOPE geraakte bij het passeren van de baar van deze haven aan de grond, doch werd door het Nederlands-Indische schip SUMBAWA afgesleept en hier binnen gebracht, zonder enige schade geleden te hebben. Gemeld schip vertrok 6 januari van hier naar Marseille.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 17 januari. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten de ijzeren lichter HELENA, groot pl.m. 100 last, gebouwd voor rekening van de heer H.J. Meijer te Rotterdam, en daarna is onmiddellijk de kiel gelegd voor een paviljoen-boeierschuit voor rekening van schipper J. Heus te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Scheveningen. Verkocht het bomschip EBEN HAEZER, oud 8 jaren, met inventaris, groot 38 ton, voor NLG 1.575. Koper D. van Leeuwen.


19 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 januari. Het Nederlandse schip IJSTROOM, kapt. De Vries, van Pitea naar Barcelona, met schade en alhier binnen, is nog niet begonnen te repareren, doch wacht om op de slip gehaald te worden. Vermoedelijk zal het schip worden afgekeurd, daar de schade boven water groot is.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 18 januari. De ADA VAN HOLLAND heeft de gewone dienst hervat; hedenmorgen deed ze twee tochten, en te 4 uren zal ze een derde reis doen. De ijsvlet is buiten dienst gesteld. Drijfijs is langs onze gehele kust niet meer te vinden, zodat de vissers morgen bij goed weer en gunstige wind hun bedrijf zullen hervatten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 18 januari. Volgens hier ontvangen telegram is het te dezer stede te huis behorend schoenerschip MARIA SINNIGE, kapt. J. Groothuijs, gisteren te Gloucester aangekomen, komende van hier. Aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 17 januari. De Belgische loodsschoener No. 10, gisterenavond uit zee binnenkomende, kwam door den sterken vloed en stilte in aanraking met het Oosterhoofd der Westerhaven, bekwam daardoor een gat in de zijde en zonk in den mond der haven. Heden nacht is met laag water het gat dicht gemaakt, het schip leeggepompt en behouden binnengebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amble, 15 januari. De geborgen lading van het hier gestrande schip CATHERINA REGINE, van Riga bestemd geweest naar Bordeaux, is op strand in veiling voor GBP 450 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Veiling te Terschelling. Notaris S. Brons Boldingh zal op woensdag 24 januari 1883, ’s morgens ten tien ure - mits open water en zo de postschuit daags te voren van Harlingen aankomt - publiek verkopen tegen contante betaling de geborgen lading van het Russische barkschip LEONARD, kapt. Petrell, van Hamburg met bestemming naar Batavia, bestaande in verschillende soorten van glaswerk, lucifers, Madeira wijn, hars, papier, huidvergif, blauwsel, spijkers, Seltzer water enz.
De goederen liggen grotendeels te Terschelling, en voor een klein gedeelte te Vlieland.
Informatiën te bekomen bij de heren Aug. Tromp, te Amsterdam, en Th. Ruijgh, scheepsagent te Terschelling. Catalogussen verkrijgbaar bij de heren P. K. Gnodde te Harlingen, en Th. Ruijgh te Terschelling.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. J. Langeveld Jr., makelaar, zal op maandag 29 januari 1883, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes, te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, presenteren te verkopen het gezinkte en kopervaste brikschip LIDA, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd geweest door kapt. J. W. C. Vinke Muller en gemeten op 555,37 kubieke meter of 196,05 tonnen; is tot augustus 1882 geklasseerd geweest 5/6 A. 1 . 1; breder bij biljetten omschreven. Het schip ligt aan de Oosterdoksdijk te Amsterdam.
Nadere informatiën zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaar of de cargadoors W. J. Langeveld Jr. & Co., te Amsterdam.


20 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 18 januari. De lading hout van het schip ABSOLUT VETO, kapt. Aas, van Sandviken naar Bordeaux, alhier binnen gekomen, is gisteravond in publieke veiling verkocht en heeft NLG 12.052,20 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 16 december 1882. De waterstand op de baar is voortdurend goed en het scheepvaartverkeer zeer bevredigend. Er zijn 18 vreemde schepen tot 14 Braziliaanse palm (10’2”) aangekomen. Bevracht zijn de Nederlandse schepen GOORECHT EN OLDAMBT, kapt. Boekholt, 206 ton naar Sandyhook voor onder met droge huiden tot 59 shilling en CORNELIA, kapt. Nanning, 163 ton van Porto Alegre naar Europa met gezouten huiden tot 52 shilling 6 pence.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vrijenban (bij Delft), 19 januari. Heden is van de werf van H. Boot & Zoon met goed gevolg te water gelaten de ijzeren paviljoen-tjalk ALIDA HENDRIKA, groot 42 last, voor rekening van de heer Jac. Boerdam te Vlaardingen.
Onmiddellijk daarna is de kiel gelegd voor een dergelijk schip voor rekening van de heer Joh. Kooren te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Het Nederlandse schip HOOP, kapt. Douwes, vertrok 10 januari van Delfzijl naar Southampton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 17 januari. Het Nederlandse schip MAAS, kapt. Brouwer, van Windau naar Harlingen, lek alhier binnen, heeft de reparatie beëindigd en zal met een paar dagen de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 januari. Het Nederlandse schip ORTELIUS, kapt. Jansonius, van Amsterdam naar Samarang met gemengde lading, is heden hier binnen gelopen met verlies van verschansing en watervaten, boten verbrijzeld en het schip lek in het bovenwerk.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Wordt te koop aangeboden een sleepboot van 11 paardekrachten, lang 13,50 meter; breed 2,94 meter, diepgang 4 voet. Brieven franko, motto Sleepboot, aan het Algemeen Advertentiebureau van Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, Beursstraat 12.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 18 januari. Hedenavond had alhier de publieke verkoop plaats van een partij van ongeveer 8.500 stuks platen van differente afmetingen, behorende tot lading van het destijds alhier binnengekomen Noorse brikschip ABSOLUT VETO, kapt. Ass. De opbrengst bedroeg NLG 12.052,20.


  AH - Algemeen Handelsblad

Terschelling, 19 januari. LEONARD. De rechter heeft gemeend de scheepsagenten geen machtiging te kunnen verlenen tot de verkoop van de alhier geborgen goederen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Catharine's Point, 17 januari. Het stoomschip CERES, van Palermo naar Amsterdam, werd heden hier geseind met verlies van de fokkesteng.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harwich, 17 januari. Heden werd hier in de nabijheid opgevist een menigte wrakstukken en een grote hoeveelheid haver, benevens een wit scheepsnaambord, waarop met zwarte letters HOOP.


21 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip CHARM, kapt. Hoedemaker, heden van Nickerie te Londen aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Het Nederlandse stoomschip ETNA, van hier naar Reval, te Libau binnen, zal aldaar lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Kapt. Van Emmerik, gezagvoerder van het stoomschip GIRONDE, van Bordeaux alhier aangekomen, rapporteert gepraaid te hebben de 17de januari op 47º NB 03º45’WL een ijzeren schip, vermoedelijk de bark HENRIETTE van La Rochelle en met alleen de fokkemast en voormaststeng nog staande. Het zeilde met fok en ondermarszeil en verlangde geen assistentie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 20 januari. Het schip HOOP, kapt. Douwes, vertrok 10 dezer van hier met haver, van Groningen bestemd naar Southampton. Het bericht uit Harwich doet vermoeden dat het schip is verongelukt. Behalve de bemanning waren er twee loodsen uit Delfzijl aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Volgens een particulier bericht is het schoenerschip SINGAPORE, kapt. Van Dijk, van Rotterdam naar Bonny (Nigeria) 19 januari te Falmouth binnengelopen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen te Nieuwediep op 19 januari:
- Het Noorse barkschip ABSOLUT VETO, gevoerd door kapt. Aas, groot 293 register tonnen, in oktober des vorige jaars alhier mastloos binnengebracht. Koper werd de heer A. J. Swaerts te Zijpe, voor NLG 2.102. (opm: gezien de prijs waarschijnlijk voor de sloop; in Zijpe werden destijds schepen gesloopt)
- Het Noorse brikschip ERSTATNING, gevoerd geweest door kapt. Ostenberg, groot volgens meetbrief 185 register tonnen, met al deszelfs staand- en lopend want, zeilen, ankers, kettingen, blokken, kompassen enz. Kopers werden de heren Gebr. Van de Wetering te Delfshaven, voor NLG 1.950.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 20 januari. Heden is aan de werf van C. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten een ijzeren Rijnschip (opm: GOD MET ONS), groot 280 last, voor rekening van de heer P. Hirschmann te Winkel bij Biebrich, Dld.
Onmiddellijk daarna werd de kiel gelegd voor een ijzeren Rijnzeilschip voor rekening van de heer M. de Visser te Hooge Zwaluwe.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 20 januari. Het stoomschip ETNA, van hier naar Reval, te Libau binnen, zal aldaar lossen.


22 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 20 december. In de noteringen kwam sedert de 6e dezer geen verandering, doch de positie is enigszins gunstiger, doordat bij uiterst matige arrivementen nogal wat ruimte uit de markt genomen werd, en, hoewel de vraag, zoals in dit jaargetijde niet anders te wachten is, beperkt blijft, begint het toch moeilijk te worden daaraan te voldoen. Om nog op hoge koersen te rekenen is het seizoen te ver gevorderd, doch enige verbetering acht men niet onmogelijk. Naar Nederland werd weder een schip aangelegd op particulier product. De Factorij was niet aan de markt. In deze richting heerst zeer weinig vraag en zelfs geregelde lijnboten hebben moeite om vol te komen. Naar het Kanaal zouden enige matig grote schepen te plaatsen zijn en onderhandelingen worden gevoerd op basis van de laatste koersen. Het aantal passende disponibele vaartuigen is echter zeer gering. Schepen, in de Oosthoek liggende, bedongen Sh.2/6 per ton minder dan in de Westhoek betaald werd. Naar Amerika bestaat geen vraag en vonden ook geen afdoeningen plaats. Naar Australië wordt een schip gezocht van ca. 1.000 tons capaciteit en zou GBP 1.2/6 naar Melbourne te maken zijn. Naar de Perzische Golf is nog steeds een kleine lading te verschepen, doch men slaagde nog niet een passend schip te vinden. Het vervoer van 1.500 tons kolen van Bandjermassin naar Tandjong Priok is bij inschrijving gegund aan een Chinees te Soerabaija tot NLG 10 per ton. Nederlandse schepen werden niet opgenomen.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: LICHTSTRAAL, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, NEERLANDS VLAG, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, SLIEDRECHT, JOHANNA EN MARIA, NIEUWE WATERWEG I en VELOX, en de stoomschepen INSULINDE, ZUID-HOLLAND en KONINGIN EMMA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te koop twee nieuwe tjalken, groot plm. 140 ton en plm. 90 ton, op de werf van de scheepsbouwer B. Niestern te Martenshoek, gemeente Hoogezand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dit jaar zal aan ’s Rijkswerf te Amsterdam de bouw voltooid worden van het in aanbouw zijnde schroefstoomschip 1e klasse VAN SPEYK en het reserve lichtschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 20 januari. De inventaris van het Noorse brikschip ABSOLUT VETO, gisteren alhier openbaar verkocht, heeft NLG 483,35 opgebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfzijl, 20 januari. Vermoedelijk is het naambord, te Harwich aangedreven, afkomstig van het schip HOOP, kapt. Douwes, de 10e januari vertrokken van Groningen naar Southampton. Twee loodsen uit Delfzijl waren aan boord en zijn, zo het schip is verongelukt, met de bemanning omgekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 januari. Naar aanleiding van het in de nabijheid van Harwich aangedreven wit geverfd scheepsnaambord, waarop met zwarte letters HOOP, wordt opgemerkt en blijkt uit de zeetijdingen in deze courant van den 12den dezer, dat het Nederlandsche schip van dien naam, dat gevoerd wordt door kapt. H. Douwes, den 10den januari van Delfzijl naar Southampton is vertrokken.
(opm: zie PGC 200183)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 19 januari. Het schip JANTINA, kapt. D.D. Boelens, van Krageroe naar Norden, tot nu toe in het ijs vastgezeten, is thans vol water en met verlies van deklast hier binnengebracht.
(opm: zie PGC 180183)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 20 januari. Volgens particulier bericht van kapt. J.C. Stenger, gezagvoerder van het tusschen Windau en Libau gestrande Delfzijlster kofschip VOORWAARTS, was er bij het afzenden van de brief niets meer van het schip bekend en was het geheel door het ijs verbrijzeld. De kapitein vertrekt heden naar hier; de equipage was reeds afgereisd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio Grande, 16 december. Het schip CORNELIA, kapt. J.J. van Dijk, is bevracht van Porto Alegro naar Europa.


23 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Christiana, 16 januari. Het schip ANNA, kapt. Thorsen, van Harlingen, ligt sedert den 2den november wegens voortdurende tegenwind hier in de haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Het schip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, is volgens een telegram uit Londen, te Soerabaja in aanvaring geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 22 januari. Acht bergers uit Windau die van de lading zouden bergen uit het Nederlandse kofschip VOORWAARTS, dat bezuiden de haven van Windau gestrand is, zijn gisteren ten gevolge van het door storm opdringende ijs verongelukt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 22 januari. Volgens telegram uit Londen, heden alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, op de rede van Soerabaya in aanvaring geweest.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 22 januari. Volgens een ontvangen telegram is het hier ter stede te huis behorend schoenerschip VERTROUWEN, kapt. J.L. de Vries, gisteren te St. Sebastian binnengekomen, komende van Londen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 20 januari. De 10e dezer vertrok van hier, komende van Groningen met een lading haver naar Southampton, het te Veendam te huis behorend schip HOOP, kapt. H. Douwes, met twee loodsen aan boord, zijnde R. Visser en W. Sinjewel. Nu sedert enige dagen door de betrekkingen der opvarenden reikhalzend wordt uitgezien naar de ontvangst van een telegram of een brief van behouden aankomst ter bestemder plaats, vermelden de dagbladen reeds, dat in de nabijheid van Harwich (Engeland) is aangedreven een wit geverfd scheepsnaambord, waarop met zwarte letters HOOP, benevens enig wrakhout en haver. Ons wordt verzekerd, meldt de N. Delfz. Crt., dat het scheepsnaambord zwart was met witte letters HOOP. Voor zoverre ons bekend is, bevonden zich onder de equipage aan boord: Sluis van Groningen en Niemeijer van Wildervank. De loodsen hebben, hoewel de loodskotter No. 3 het schip in zee praaide, het naar alle waarschijnlijkheid wegens vliegend weder geraden geoordeeld met het schip HOOP naar de bestemming te vertrekken, omdat er van het schip geen teken (vlag) werd vertoond, ten einde hen (de loodsen) af te halen. Hoe het dan ook zijn moge, hartverscheurend is het voor de nagelaten betrekkingen het bovenstaande te moeten vernemen, nu er zo weinig kans meer bestaat, dat de opvarenden of door een ander schip gered zijn of zich met de eigen boot gered hebben.


24 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 16 januari. In het jaar 1882 zijn van hier naar Java en Sumatra vertrokken 71 schepen beladen met 1.899.338 kisten petroleum.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 30 december 1882. Het schip HENDRIK JAN is hier bevracht voor 4.000 balen koffie naar Gibraltar voor order.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Libau, 22 januari. Het Nederlandse schip VOORWAARTS (opm: kof VOORWAARTS, ex BROEDERSCHAP, ex FRIESLAND, kapt. J.C.Stenger) strandde reeds 3 weken geleden in de monding van de Hasenbach. Het schip, met daarop acht zeelieden uit Windau, die van plan waren om het schip met haar lading te bergen, geraakte door de storm van gisteren en de kruiende ijsmassa wrak en verdween in de diepte.


25 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 22 januari. Het Nederlandse schip ORTELIUS, kapt. Jansonius, van Amsterdam naar Samarang, alhier met schade binnen, is nagezien en bevonden zoveel water te maken, dat de lading gedeeltelijk gelost moest worden om het lek te zoeken. Van de geloste goederen uit het tussendek zijn enige beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De sleepboot ONRUST, hier vroeger op de Pollen gezonken is gisteren met 2 kettingen aan twee tjalken bevestigd. De sleepboot VOORWAARTS heeft ’s avonds het slepen herwaarts beproefd, doch de ketting is gebroken. De tjalken en de sleepboot VOORWAARTS zijn onverrichterzake herwaarts teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 23 januari. Volgens hier ontvangen telegram van Natal is het schip BIMA, kapt. Esman, daar omstreeks 13 januari gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio de Janeiro, 30 december. Het schip HENDRIK JAN, kapt. Revier, is hier bevracht voor 4.000 balen koffie naar Gibraltar voor order.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Samarang, 22 januari. Vrijdag j.l. (opm: 19 januari) is het kolenschip de AREND ter rede alhier, ten gevolge van de toen heersende hevige storm, gezonken. Gelukkig zijn er geen doden te betreuren, daar de manschappen door de dadelijk toegesnelde hulp allen gered werden.
(opm: dit is NIET het Gouvernements-stoomschip van die naam)


26 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het inspectievaartuig ARGUS van het Loodswezen te Hellevoetsluis is voor de dienst afgekeurd. Het schip is nog geen 10 jaar oud.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De directiës der Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij en de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij hebben thans bekend gemaakt, dat de beide maatschappijen zich onderling hebben verstaan omtrent de verdere exploitatie der geregelde stoomvaartlijn tussen Nederland en Noord-Amerika. Daarbij zijn de nodige schikkingen gemaakt, om aan de billijke eisen van de handel, zowel te Amsterdam als te Rotterdam, te kunnen beantwoorden. Van 1 februari aanstaande af is de leiding dier lijn geheel aan de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij opgedragen, weshalve men zich alsdan voor de verdere zaken, die vaart betreffende, tot haar bestuur zal hebben te wenden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 25 januari. De geborgen lading van het schip LEONARD heeft in publieke veiling NLG 2.850 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 22 januari. Kapt. Malbach, voerende het schip IMMANUEL, 27 december van Matanzas hier aangekomen, rapporteert een zeer stormachtige reis gehad te hebben. Het schip was zwaar ontzet, en alles was van het dek geslagen. Van de 2.525 aangevoerde kisten suiker waren er 1.601 door zeewater beschadigd, die 27 januari publiek worden verkocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 24 januari. Men maakt zich zeer ongerust over het schip JACOBUS ANTHONIE, kapt. G. Visser, van Schiermonnikoog, en zijn bemanning, zijnde reeds voor ongeveer zes weken van Elseneur vertrokken, zonder iets naders er van te hebben vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 24 januari. Ons vermoeden, meldt de N. Delfz. Crt., dat er zich aan boord van het schip HOOP, kapt. H. Douwes, ook bevond Sluis van Groningen, is gebleken niet het geval te zijn. Genoemde Sluis heeft het schip van Groningen naar hier gebracht en is toen weder bij vertrek van het schip naar Groningen teruggekeerd. Stuurman was Niemeijer van Wildervank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 24 januari. Hedenochtend vertrok van hier het stoomschip SURREY, kapt. Hill, een Engelse bodem, door de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij tijdelijk gehuurd, voor zijn laatste reis naar New-York. Behalve lading werden gescheept de navolgende landverhuizers: 133 volwassen personen, 28 kinderen van 1-10 jaar, 9 zuigelingen en 2 passagiers 2de kajuit. Het stoomschip kwam nog heden via Ymuiden met een zuidelijken wind in zee.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Soerabaija, 20 januari. Het schip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. A.K. Zweede, geankerd liggende, is aangevaren door het Engelse stoomschip PROPONTIS. Van schade wordt niets gemeld.


27 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 25 januari. De Nederlandse oorlogskotter VLINDER, schipper Bakker, gisteren van hier naar Hellevoetsluis vertrokken, is heden ten gevolge van het breken van het kluiverlijk met gebroken steng en kluifhout uit zee terug gekomen, hebbende op de hoogte van IJmuiden zware buien doorgestaan.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 25 januari. Door de felle wind geraakte de FLEVO hedenmorgen, toen ze in de haven zou lopen, aan lager wal. Bijgestaan door een 8-tal personen, gelukte het, de boot veilig in de haven te brengen. Ongelukken hadden niet plaats.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Het Nederlandse schip SLIEDRECHT, kapt. Schorman, zal volgens een telegrafisch bericht van Java in ballast naar Chittagong verzeilen om aldaar voor New York te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Het Nederlandse schip SYMPATHIE, kapt. Harken, van Suriname te Falmouth binnen, heeft bij het vertrek aan de grond gezeten. Is enigszins lek, heeft zeilen verloren en heeft een ingeslagen verschansing. Heeft order bekomen voor Londen.


28 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 27 januari. Het schip JANNA, kapt. Valk, van Cardiff naar Curaçao, is te Mannacles gestrand. Bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lizard, 26 januari. De brik JANNA, kapt. Valk, van Cardiff naar Caracas passeerde hier met zware slagzij oostwaarts, vermoedelijk met bestemming Falmouth.
(zie ons eerste blad, waarin gemeld schip op de Manacles, een klippenrif bij Falmouth, op strand vermeld wordt)


30 januari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Liverpool, 26 januari. Het schip MEEDEN, kapt. H.J. Mantjes, van Rio Grande hier aangekomen, heeft beide ankers verloren. Het is te Birkenhead in het dok gegaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 januari. Het schip JANNA, kapt. D.H.G. Valk, van Cardiff naar Curacao, is te Manacle Point (opm: beZuiden Falmouth) gestrand; bijzonderheden zijn niet bekend. Volgens een particulier bericht is het schip totaal wrak. De gezagvoerder en equipage zijn te Porthoustock geland. Wind WNW, stormweder met buien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Thisted, 21 januari. Het barkschip JUVENTA, kapt. Lamp, van Liverpool naar Christiania met zout en siroop, is gisteren te Orum gestrand en geheel wrak geworden. Vier man der equipage zijn verdronken. Een deel der lading kan worden geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 28 januari. Aan boord van het stoomschip AMSTERDAM, liggende aan de Suez-steigers, is gisteren morgen in een der bergplaatsen voor kolen brand ontstaan, die door eigen middelen is geblust, zodat de brandweer, die inmiddels was aangekomen, geen hulp behoefde te verlenen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Hoorn, 28 januari. De stoomboten PRINS ALEXANDER en BARON VAN HEEMSTRA, die gepasseerde week met averij door het ijs hier binnenliepen, waagden het hedenmorgen het ijs, dat voor de haven en zo ver het oog reikte dik op elkander geschoven was, te breken. Dat was geen gemakkelijk werk en vorderde gedurig een voor- en achteruit stomen. Eerst na verloop van 6 uur onophoudelijk stomen en werk, waren ze uit het gezicht verdwenen. Of zij de plaatsen hunner bestemming, Harlingen en Amsterdam, zonder verder hinder van het ijs zullen bereiken of bereikt hebben, is nog onzeker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 24 januari. Een Franse schoener is tussen Engeland en Kamperduin gestrand. De equipage is gered. Volgens een later ontvangen bericht is het de Franse sloep CARNET, kapt. Le Gabien, van Maldon met graan naar Plymouth bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Het schip TINE, kapt. Wierenga, van Londen naar Kopenhagen, is lek, en met schade aan de boeg te Cowes binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Te IJmuiden is opgevist een lijk zonder hoofd, vermoedelijk dat van de voor de hoofden verdronken kapt. Veen, die 21 november jongstleden bij het binnenzeilen van de brik JEREMIAS overboord sloeg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Amsterdam de 29e januari in Frascati:
- schoener-brikschip PERSA voor NLG 3.600.
- galjootschip ZEEHOND voor NLG 4.300.
- brikschip LIDA voor NLG 5.000 opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 januari. Volgens een particulier bericht is het schoenerbrikschip SINGAPORE, kapt. Van Dijk, van Rotterdam naar Bonny, laatst van Falmouth, weder uit zee teruggekeerd in een Engelse haven, vermoedelijk Falmouth, met enige schade aan de zeilen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 29 januari. Het Nederlandse schip TINE, kapt. Wierenga, van Londen naar Cartagena, is lek en met schade aan de boeg te Cowes binnengelopen, zijnde in aanvaring geweest.


31 januari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. De equipage van het Franse schip CARNET, tussen Egmond en Kamperduin gestrand, werd gered door de Egmonder reddingboot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Volgens een later bericht is het schoenerbrikschip SINGAPORE, kapt. Van Dijk, van Rotterdam naar Bonny, laatst van Falmouth, weder aldaar uit zee teruggekeerd met stuk gewaaid brikzeil, kluiver en andere zeilen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 januari. Niet ver van de vuurtoren in Eierland is gisteren een groot wrak aangespoeld. Aan de Zuiderdijk spoelde een geel watervat en enig klein wrakhout aan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond aan Zee, 29 januari. Tien mijlpalen ten noorden van hier strandde zondagavond met westerstorm, ter hoogte van Kamperduin, de Franse sloep CARNET, kapt. Le Gobien, komende van Maldon, bestemd voor Plymouth, geladen met graan. Nadat de reddingboot te Petten vergeefse pogingen had aangewend om de equipage, bestaande uit slechts vier man, te redden, werd de reddingboot van hier ontboden die maandagnacht de bemanning behouden aan wal bracht. Een der opvarenden, de stuurman, had reeds met een boot beproefd aan strand te komen, hetgeen hem niet zonder gevaar gelukt was. Zondagavond kwam hier ook een Katwijker bomschuit aan het strand, met verlies van bijna al het tuig en want. Zonder ongelukken kwam zij de hevige branding door. De vis, die zij aan boord had werd hier maandagochtend afgeslagen, die NLG 120 opbracht. Maandagochtend kwam weder een Katwijker bomschuit aan, ook zeer ontredderd. Zij had weinig vis in, die hier mede werd verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 december. Vrachten. Nieuwe afsluitingen hebben bijna niet plaats gehad. Bevracht werd het Nederlandse stoomschip INSULINDE koffie en damar tot NLG 90, huiden tot NLG 110, specerijen tot NLG 100, thee tot NLG 80, tin tot NLG 40 per last, naar Amsterdam.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: LICHTSTRAAL, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, NEERLANDS VLAG, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, SLIEDRECHT, JOHANNA EN MARIA, NIEUWE WATERWEG I en VELOX.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 29 januari. Zaterdagmiddag stormde de FLEVO terug, zonder het Nieuwediep te hebben bereikt. Gisteren deed ze maar twee tochten. Heden kon ze geen der beide eerste diensten verrichten. De kapitein noch de equipage ontbreekt het aan ervarenheid en moed. Men vraagt zich dus hier af of een raderboot, gelijk de ADA (opm: ADA VAN HOLLAND), niet beter zou wezen dan de FLEVO, een schroefboot. Een geregelde dienst is voor onze gemeente zeer gewenst.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 28 januari. Het Duitse schip ALICE, kapt. Imbeck, van Antwerpen naar Hamburg, is hedennacht, na beide ankers verloren te hebben, op de Kaloot gestrand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 29 januari. Volgens particulier bericht is het schoenerbrikschip SINGAPORE, kapt. P.S. van Dijk, van Rotterdam laatst van Falmouth naar Bonny, weder uit zee teruggekeerd in een Engelse haven, vermoedelijk Falmouth, met enige schade aan de zeilen.


01 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. S. Oolgaardt, J. R. Bos Janszen, A. Vinke en P. H. Craandijk, makelaars, zullen, als lasthebbende van hunne principalen, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, op maandag 26 februari 1883, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, in veiling brengen het extra welbezeild gekoperd en kopervast, in de houtvaart zo gunstig bekende Nederlandse barkschip HOLLAND, gevoerd door kapt. F. Coerkamp; volgens Nederlandse meetbrief lang 40,55 meter, wijd 9,75 meter, hol 6,05 meter, en alzo gemeten op 1515,41 kubieke meter of 534,93 register tonnen, en zulks met al deszelfs toebehoren en inventaris, als bij biljetten omschreven.
Het schip ligt dagelijks ter bezichtiging aan de werf de Zwarte Raaf, in de Kleine Kattenburgerstraat, en is inmiddels uit de hand te koop.
Nadere informatiën te bekomen bij bovengenoemde makelaars of de cargadoors Vinke & Co.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zondag jongstleden, toen de PRINS FREDERIK in de sluis lag te IJmuiden, kwam de brievenbesteller van IJmuiden aan boord om nog enige brieven af te geven. Toen hij daarmee gereed was, bevond het schip zich reeds een eind in de haven, en kon men de man niet zonder gevaar van boord halen. Hij maakt nu een plezierreisje naar Southampton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Thomas, 14 januari. Het Nederlandse schip CLARA, kapt. Ruige, is bevracht van Monte Christi naar Falmouth.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 30 januari. Heden werd alhier in het openbaar verkocht de lading gezaagd hout, aangebracht door het Noorse schip ERSTATNING, in november vorig jaar met averij alhier binnen gekomen. De opbrengst bedroeg NLG 7.7750,50.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 31 januari. Het Engelse schip LASS O’DOON, kapt. Andersen van Newcastle met kolen naar Rotterdam, is alhier gestrand. De equipage heeft zich met eigen boot gered. Het schip is lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 januari. Het wrak dat deze dagen op Eierland op strand sloeg, is hetzelfde dat gedurende enige weken ten zuiden van de haven alhier aan de grond zat en toen zulk een gevaar opleverde voor de scheepvaart.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 30 januari. Gisteren werden in Frascati in veiling gebracht:
- Het Nederlandse schoenerbrikschip PERSA, gevoerd door kapt. B. Klip, groot 183 ton nieuwe meting, gebouwd in 1863; koper de heer A.D. Strumphler voor NLG 3.600.
- Het galjootschip ZEEHOND, gevoerd door kapt. W. Botje, groot 168 ton nieuwe meting, gebouwd in 1865; koper de heer A.D. Strumphler voor NLG 4.300.
- Het brikschip LIDA, gevoerd kapt. J.C.W. Vinke Muller, groot 196 ton nieuwe meting, gebouwd in 1857; geboden NLG 5.000, doch opgehouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 29 januari. Een inkomend stoomschip, naam onbekend, is op de Westbaar vastgeraakt doch zonder hulp vlot gekomen en benoorden de Waterweg geankerd. Het laat nog voortdurend blauwe lichten op en heeft dus vermoedelijk schade, weshalve assistentie derwaarts vertrekt.
Maassluis, 30 januari. Het stoomschip is genaamd HOLLANDIA, van Bilbao naar Rotterdam bestemd. De gezagvoerder bedoelde met het afsteken van blauwe lichten het verkrijgen van een loods.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 30 januari. De equipage van het Franse schip CARNET, tussen Egmond en Kamperduin gestrand, werd gered door de Egmonder reddingboot.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 30 januari. Volgens later bericht is het schoenerbrikschip SINGAPORE, kapt. P.S. van Dijk, van Rotterdam naar Bonny, laatst van Falmouth, den 25sten weder aldaar uit zee teruggekeerd met stuk gewaaid brikzeil, kluiver- en andere zeilen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 30 januari. Het schip ALICE, kapt. Imbeck, op de Kaloot gestrand, is met assistentie vlot- en in de haven gesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 30 januari. De loodskotter No.2 is met averij aan zeilen hier binnengebracht. Het was door de laatste storm van Texel weggeslagen.


02 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Het stoomschip P. CALAND is hedenochtend voor Ooltgensplaat in het Hellegat aan de grond geraakt en heeft heden bij hoog water getracht vlot te komen, doch tevergeefs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 1 februari. In de Terschellinger gronden is een schoener gestrand, deze schijnt onder water te zitten en vermoedelijk is het volk door de loodskotter gered. De FRANS NAEREBOUT is hier binnen voor het opslepen van de loodskotter TEXEL II. De gestrande schoener is de HUMBOLDT, kapt. Godings, van Shields met steenkolen naar Yarmouth bestemd. De equipage, bestaande uit vier man, is door de loodskotter aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 30 januari. Kapt. Wieringa, gezagvoerder van de Nederlandse brik TINE, van Londen naar Cartagena met tarwe en gerst, rapporteerde op vrijdag laatstleden (opm: 26 januari) peilende Lizard Noord ten Oosten op twaalf Engelse mijlen afstand met de wind van het West Noord Westen met stormweer en hoge zee met stuurboord halzen voor onder marszeilen en kluiver liggende, vermoedelijk tegen een onder water drijvend wrak te hebben gestoten. Het was te donker om iets te kunnen onderscheiden. Het schip begon daarna te lekken en had vrij wat schade aan de boeg. Hij keerde daarom naar Cowes terug, maar het schip moet lossen om nader onderzocht te kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het stoomschip TOLLENS te Vlissingen aangekomen en opgestoomd naar Antwerpen. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond aan Zee, 31 januari. De bij Kamperduin gestrande Franse sloep CARNET zinkt in het zand weg en is totaal wrak. Van de lading zal waarschijnlijk niets en van de tuigage een weinig geborgen kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 1 februari. De berging van tuigage en inventaris van het gestrande schip LASS O’ DOON is aangenomen tegen 12%.


03 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Ooltgensplaat meldt men ons dat de P. CALAND gisterochtend in vlot water gebracht is en zeewaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 2 februari. Door de Belgische loodsschoener No.11 is hier aangebracht, kapt. Shellen, gezagvoerder van de Engelse barge FRANCIS, welke nabij de West. Hinder is omgeslagen, één man is daarbij verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 1 februari. De lading steenkolen van het alhier als bijlegger binnen gekomen schip BOREAS, kapt. Gorter, van St. Davids bestemd naar Norden, zal in kleinere vaartuigen worden overgeladen en daarmee naar de bestemming vervoerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te koop het goed onderhouden schoenerschip MARIA met complete inventaris, groot 148 tonnen, oude meting, gebouwd in 1860, liggende te Purmerend, geclassificeerd bij Veritas 5/6 1.1. tot mei 1884. Te bevragen bij de eigenaar J. B. Pronk, te Wildervank.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een hecht, sterk en goed onderhouden tjalkschip genaamd ZEELANDIA, groot volgens meetbrief 88 ton, gevoerd door W. de Vries, thans liggende en te bevragen bij T. Pauw, scheepsbouwmeester te Muiden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 1 februari. In de Terschellinger gronden is een schoener gestrand; deze schijnt onder water te zitten en vermoedelijk is het volk door de loodskotter gered. De FRANS NAEREBOUT is hier binnen voor het opslepen van de loodskotter TEXEL II.
De gestrande schoener is de HUMBOLDT, kapt. Godings, van Newcastle met steenkolen naar Yarmouth bestemd. De equipage, bestaande uit 4 man, is door de loodskotter aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. In de fabriek van machines voor electrische verlichting van Willem Smit & Co. te Slikkerveer zijn in bewerking de electrische machines, bestemd voor de verlichting van een der stoomboten der Stoomvaart-Maatschappij Zeeland. De lichtmachine, gedreven door een daarvoor vervaardigde afzonderlijke stoommachine, zal gelijktijdig voortbrengen 80 Swan-gloeilampen, elk 20 kaarsen sterk, en twee booglampen, elk 350 kaarsen sterk, welke laatste echter alleen bij laden en lossen zullen gebruikt worden.


04 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oude Pekela,2 februari. Heden namiddag liep alhier met allergunstigst gevolg van stapel een vuurschip, gebouwd door de heren J.J. Koerts en H.L. de Wijk, voor rekening van het Rijk en bestemd naar Goeree om daar als baak dienst te doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In het raderstoomschip VALK, liggende aan ’s Rijks werf te Willemsoord, zijn de machines weder geplaatst. Het inwendige van het schip is geheel verbouwd. Het heeft een grote salon gekregen en de hutten zijn ook ruimer geworden. Met 1 april zal het schip stoomklaar zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. De Stoomvaart-Maatschappij Nederland, tijdelijk gevestigd aan de Spoorweghaven alhier, heeft aan de Handelskade een terrein van 200 meter van de stad in erfpacht ontvangen. Dezer dagen zal de aanbesteding der verschillende gebouwen plaats hebben en reeds in de nazomer zullen de boten van het nieuwe domicilie vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 1 januari. Het Nederlandse schip JEANETTE, kapt. Kolk, is bevracht naar Rio de Janeiro.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 3 februari. Volgens een rapport van de vuurtoren van West-Schouwen is een schoener over de rug van het Nieuwezand verzeild en ligt in slecht water. Een vissersvaartuig zit hoog en droog op het strand te Renesse.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 3 februari. Bezuiden Petten is een stoomschip gestrand, waarschijnlijk de EDDYSTONE. Het schip zit zeer gevaarlijk. Men tracht de equipage te redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemmer, 3 februari. Volgens een particulier bericht is het barkschip TWEE ZUSTERS, kapt. Harding, de 9e januari te Mobile van Engeland aangekomen. Alles wel aan boord.


05 februari 1883


  JB - Javabode

Bij besluit van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 2 februari 1883 no. 4 is aan P.F.W. Pels en C. Vriesendorp, in hun hoedanigheid resp. van president en secretaris der te Batavia gevestigde naamloze vennootschap Het Tagals Praauwenveer vergunning verleend om het krachtens het besluit van 11 oktober 1882 no.15 in de vaart gebrachte stoomschip TAGAL, behalve voor het slepen van vaartuigen, mede te bestemmen voor het vervoer van personen naar en van de rede te Tagal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Egmond, 4 februari. De equipage van het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. H. Edelinck, notaris te Groningen, zal, op donderdag de 15e februari 1883, des avonds te 7 uur, ten huize van de koffiehuishouder F. Borst, aan de Noorderhaven aldaar, publiek worden verkocht het snelzeilend Nederlands galjootschip, genaamd TJAKINA, met complete, goed onderhouden inventaris, groot volgens nieuwe meting 100,32 register tonnen, bevaren door kapt. L. T. van Sluis, thans liggende in het Mexico-dok te Antwerpen.
Gegadigden vervoegen zich ten kantore van de heren Gianni en Muller, scheepsmakelaars te Antwerpen.


06 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 3 februari. Uit Ooltgensplaat meldt men, dat het stoomschip P. CALAND, kapt. Bonjer, van hier naar New-York bestemd, donderdagmorgen in vlot water gebracht en zeewaarts vertrokken is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Vrijdag de 16e februari 1883, des avonds te 6 uur, zal in het hotel Everts te Veendam in het openbaar worden verkocht het in de Nederlanden te huis behorend schoenerschip HARMANNA, groot 129 tonnen, nieuwe meting, geklassificeerd tot augustus 1884, bij Veritas 3.3.G.1.1., in den jare 1867 te Nieuwe Pekela nieuw gebouwd, thans liggende te Elmshorn aan de Elbe, bij Hamburg, laatstelijk bevaren door de kapitein J.J. de Groot te Wildervank. Inventarissen zullen in tijds ter lezing worden gelegd. Nadere inlichtingen te bekomen bij de boekhouder G.H. Holtman te Nieuwe Pekela.
Mr. F. Roessingh, notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle a/d IJssel, 4 februari. Gisteren werd op de werf van A. Kalkman de kiel gelegd voor een ijzeren paviljoenschuit voor rekening van de heer Ph. van den Elshout te Oosterhout.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. Ament en I.A.P. Bijl, makelaars, presenteren als lasthebbende van hunnen principaal, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, op maandag 19 februari 1883, in de Brakke Grond te Amsterdam, te verkopen een kopervast overdekt scheepshol of casco, met de daarin zijnde stompen van masten en pompen, van het vroeger onder Zweedse vlag gevaren hebbende barkschip MOHONGO, kapt. C. Sundin, 680 gemeten tonnen en zulks met de daarbij zich bevindende inventaris- goederen. Het voorschreven scheepshol of casco ligt te Amsterdam in de Houthaven.
Nader onderricht bij bovengemelde makelaars of de cargadoor B. J. van Hengel.
(opm: zie NRC 140383)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Het schip THORBECKE, kapt. Van der Meij, van Java te IJmuiden binnen, heeft op de Gronden in het Kanaal en de Noordzee, vliegend stormweder gehad, zodat men geruime tijd voor enkel stagzeil heeft moeten lenzen. Het schip heeft zich goed gehouden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 5 februari. Volgens telegram uit Londen, heden alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip HENRIETTE, van Middlesbro naar Java, met gebroken machine te Point de Galle binnengelopen.
(opm: mogelijk een sleepboot of iets dergelijks, onder eigen kracht uitgebracht)


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 5 februari. In de maand januari 1883 zijn geschut in de Noordzeesluizen:
Naar zee: 6 fregatten of barken, 1 brik, 5 schoeners, 69 schroefstoomboten, 12 vissersvaartuigen en 1 ander vaartuig; tezamen 94 schepen, inhoudende 144.990 m3.
Uit zee: 4 fregatten of barken, 1 brik, 2 schoeners, 67 schroefstoomboten en 8 vissersvaartuigen; tezamen 82 schepen, inhoudende 186.175 m3.
Totaal 176 schepen, inhoudende 281.165 m3, tegen 278.978 m3 in januari 1882.
Totaal geschut in het
Jaar 1882 4.674 schepen, inhoudende 5.175.695 m3.
Jaar 1881 4.803 schepen, inhoudende 4.590.324 m3.
Jaar 1880 4.495 schepen, inhoudende 4.264.962 m3.
Jaar 1879 4.013 schepen, inhoudende 3.811.813 m3.
Jaar 1878 3.242 schepen, inhoudende 3.182.873 m3.
Jaar 1877 3.376 schepen, inhoudende 2.883.776 m3.
Jaar 1876, na de opening op 1 november, 248 schepen, inhoudende 282.023 m3.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Prawlepoint, 2 februari. Volgens een ingewonnen bericht had het op de Manacles-rotsen verongelukte Nederlandse schip JANNA een aneroïde barometer van de heer Harri aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 4 februari. Na de hevige storm van eergisteren was men beducht voor onderweg zijnde schepen. Zoals bekend strandde daarvan de EDDYSTONE, en was men zonder bericht van de ONDINE, maar heden kwam dit stoomschip binnen, hoewel zeer gehavend. Volgens een rapport van de kapitein van de ONDINE, was de ONDINE vrijdag namiddag omstreeks 16.00 uur bij Texel geloodst en trachtte men, temeer daar de barometer dalende was, nog die avond IJmuiden te bereiken. Men bracht het nog tot nabij de hoofden alhier des avonds ten 9 ure, toen de storm dermate in kracht toenam, dat voor de wind moest worden gehouden, dit geschiedde en binnen een half uur was men weder dwars van Egmond aan Zee; hiernaar laat zich de kracht van de stormwind enigszins afmeten; op de hoogte van Petten werd nog een 2/m stoomboot, waarschijnlijk de EDDYSTONE, even gezien; daar er echter niet het minste gezicht op de vuren meer was, achtte men het raadzaam, ook op advies van de flinke zeeloods, om zee te houden en niet op Tesselreede aan te sturen; bij de pogingen toen en later om het schip op de zeeën te houden, kreeg de ONDINE brekers over, die de hutten op dek verbrijzelden en een boot uit de davits sloeg die tot gruis werd verbrijzeld; de sporen der verwoesting waren dan ook zeer goed te zien bij de binnenkomst; er behoeft niet gevraagd te worden wat de zeelieden gedurende al die tijd hebben geleden.
Zou na het gebeurde de vraag onpas zijn, of niet de afstand van vuur tot vuur van Egmond aan Zee tot Helder wellicht wat te groot is, niet bij gewoon helder weder, maar bij dikke stormnachten? Wel is te Petten een vuurtje, naar men verhaalt, maar ’t schijnt niet ver gezien te kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oude Schild, 5 februari. Bij de Slufter is een grote stoomboot gestrand, bijzonderheden onbekend. Een sleepboot is van Nieuwediep derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Het stoomschip PRINS FREDERIK, van Amsterdam naar Batavia, heeft de vliegende storm, die het na het vertrek uit Southampton overviel, uitgereden, geankerd in de Solent, onder het eiland Wight. Zaterdagochtend 3 februari, toen de buien begonnen af te nemen, werd de reis in de beste orde voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep 4 februari. De Engelse stoomboot EDDYSTONE, van Hull met steenkolen, ijzer en stukgoederen naar Amsterdam bestemd, bij Petten gestrand, schijnt gebroken te zijn. De lading drijft tussen de Killen. Volgens een particulier bericht van 5 februari heeft men heden ochtend een begin gemaakt met de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. De Shipping en Mercantile Gazette van 1 dezer bevat de volgende brief uit Falmouth van 27 januari aan de uitgever:
Het spijt mij dat ik opnieuw uw aandacht moet vestigen op de gevaarlijke Manacle rotsen. In de afgelopen nacht is er een Nederlandse brik (opm: de JANNA, kapt. Valk) op gestrand en uit elkaar geslagen. Dat zou niet zijn gebeurd indien er een vuurtoren op gestaan had, en vermoedelijk zullen de autoriteiten van Trinidad House de noodzaak er niet van inzien voordat er weer zoals voor enige jaren, een schip met landverhuizers of met een kostbare lading op verongelukt. Het is daarom , dat ik u verzoek uw veel vermogende invloed in deze zaak wel te willen aanwenden.


07 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Van de werf der heren Rijkée & Co., te Katendrecht (gemeente Rotterdam), liep heden middag met het beste gevolg de ALBLASSERDAM van stapel, welk schip op die werf is gebouwd onder toezicht van de heer J. de Hoog, van Amsterdam. De plechtigheid was ten 3 ure bepaald, doch uit aanmerking van de aanwakkerende oostenwind kon men zich daaraan niet houden, en lag het vaartuig reeds tegen half drie te water, waarbij alles met de meeste voorspoed in zijn werk ging.
De ALBLASSERDAM is het eerste ijzeren zeestoomschip dat op die werf van stapel loopt. Het is bestemd voor de grote kustvaart onder directie van de firma Vroege & De Wijs te Rotterdam. Kapt. C. Hoek zal het bevel over het stoomschip voeren. Het heeft een lengte van 230 Engelse voet, een breedte van 31½ Engelse voet en een diepte van 16½ Engelse voet. Het meet plm. 1.300 ton en zal van een compound machine van 108 NPK. worden voorzien door de Maatschappij De Maas te Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te koop het goed onderhouden schoenerschip MARIA, met complete inventaris, groot 148 tonnen, oude meting, gebouwd in 1860, liggende te Purmerend, geclassificeerd bij Veritas 5/6 1.1. tot mei 1884.
Te bevragen bij de eigenaar J. B. Pronk, te Wildervank.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het stoomschip ONDINE, van Hamburg alhier aangekomen, heeft op de reis zwaar stormweer doorstaan en geweldige zeeën overgekregen, waardoor de hutten aan dek verbrijzeld zijn, een boot uit de davits is geslagen en het schip meer andere schade heeft bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 23 januari. De Nederlandse bark THEODORA CATHARINA, kapt. Maijbauer, van Tenerife naar Savannah, is 22 januari bij Oyster Bed Light even beneden Savannah, bij dikke mist aan de grond gelopen. Het heeft geen schade geleden en zal vermoedelijk vlot komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

West Cowes, 4 februari. De Nederlandse brik TINE, kapt. T. Wieringa, hier lek en met schade binnengelopen, gaat voort met lossen van de lading, waarvan een deel beschadigd is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 5 februari. Het stoomschip P. CALAND, kapt. Bonjer, had voor het van Rotterdam in zee was gekomen heel wat ondervonden. 's Morgens vroeg vertrok het van Rotterdam met bestemming naar Hellevoet. Tussen Vlaardingen en Nieuwesluis raakte de boot 'onslaags' en kwam pas 's avonds in plaats van 's morgens te Nieuwesluis. Daar zou zij schutten, een extra schutting natuurlijk, want de schutkolken hebben nu eenmaal zulke kolossale afmetingen, dat ietwat grote stoomboten slechts 4 keren in een etmaal kunnen schutten. Het water zakte 's avonds niet genoeg dus schutte zij de andere morgen pas. 's Namiddags arriveerde zij te Hellevoetsluis en de kapitein besloot niet langs het Goerese Gat, maar langs Brouwershaven zee te kiezen. Des avonds ankerde de P. CALAND bij Willemstad, kwam 's maandags niet door het Hellegat, 's dinsdags ook niet en toen retourneerde zij te Hellevoet, om des avonds langs het Goerese Gat naar zee te gaan. 's Middags kwam men op dit voornemen terug en er werd besloten, dat zij 's woensdags weer zou trachten door het Hellegat te varen. Men heeft dit beproefd met het gevolg, dat zij 's morgens bij Ooltgensplaat aan de grond kwam. Des avonds kwam de P. CALAND met behulp van sleepboten vlot, stoomde de volgende morgen naar Brouwershaven, had daarna nog enig oponthoud, maar kwam dan toch eindelijk in zee.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude Schild, 5 februari. Bij de Slufter (Texel) is een grote stoomboot gestrand; bijzonderheden onbekend. Een sleepboot is van Nieuwediep derwaarts vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 5 februari. De vermelde stranding van een stoomboot is gebleken te zijn die van de Duitsche bark AGNES, kapt. Herdis, in ballast. De sleepboot HERCULES zal trachten het schip af te slepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een bevaren tjalkschip, met volledig zeil en treil, contant of met handgeld, zittende op de werf van en te bevragen bij G.G. Bodewes te Martenshoek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zierikzee, 4 februari. Volgens telegram van de vuurtoren te West-Schouwen was gisteren een schoener over de rug van het Nieuwe Zand verzeild en lag in slecht water. Op het sein van de vuurtoren begaf de reddingschokker No.2 van Zierikzee zich derwaarts om hulp te verlenen en bracht het schip, genaamd ARAYO, kapt. Boucard, van Duinkerken met steenkolen naar Brest bestemd, behouden ter rede van Zierikzee. Het schip is lek, terwijl de sloep en de watervaten waren weggeslagen en de zeilen beschadigd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

IJmuiden, 5 februari. Kapt. Verhagen, voerende het stoomschip STOOMVAART, van Hamburg naar Amsterdam, hier binnen, rapporteert gepasseerd te zijn Egmond in peiling ZO½ O, in cica 11 vadem water, een wrak, waarvan 2 masten ongeveer 3 voet boven water uitstaken. Het ligt zeer gevaarlijk voor de scheepvaart.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 4 februari. De kof TOMMA, kapt. Jansen, geraakte op Krautsand aan de grond, de sleepboot GRAF MOLTKE bracht het schip weder af en legde het op onze rede voor anker.


08 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 6 februari. Volgens ontvangen particulier bericht zal het schip KRASNAPOLSKY, kapt. Verbeek, van Suriname te Greenock aangekomen, niet herwaarts komen, maar weder te Greenock laden voor Suriname.


  AH - Algemeen Handelsblad

Petten, 6 februari. De lossing van het gestrande stoomschip EDDYSTONE, door wind en weer begunstigd heeft met ebtij in daggeld plaats. De lading steenkolen is voor het grootste gedeelte over boord geworpen. Door blazerschuiten is een anker met 60 vaam ketting in het ZZW uitgebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 7 februari. Tengevolge van de tamelijk dikke mist zijn de nachtboot van Zwolle naar Amsterdam (Firma Kievits) en de MEPPEL II der Drentsche Stoombootmaatschappij, van Amsterdam naar Meppel varende, tegen elkander aangelopen in het Zwartewater tussen Zwartsluis en Genemuiden. De schade aan beide boten is aanzienlijk. De Zwolsche nachtboot is reeds aan wal gebracht, nadat men zo goed mogelijk het bekomen lek had gedicht met zeilen enz. De MEPPEL II, op de wal gezet, zal eerst na veel moeite zover hersteld kunnen worden, dat zij vervoerbaar is. Er moet een groot gat in de wand zijn. Persoonlijke ongelukken, zoverre bekend, zijn niet te betreuren. De ladingen zal men kunnen behouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 6 februari. Het wrak en de inventaris van het gestrande Engelse schip HUMBOLDT, kapt. Goodings, brachten in veiling NLG 232 op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 6 februari. Het wrak en de geborgen lading van het schip LASS O’ DOON heeft heden in veiling NLG 680 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 7 februari. Volgens een rapport zit de Engelse bark WHITEHALL, kapt. Randall, geladen met salpeter, bij Oude Tonge in het vaarwater Galathea aan de grond en is vol water.


09 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Newport (Mon), 5 februari. Het schip MARIA SINNIGE, kapt. J. Groothuijs, van Gloucester naar hier bestemd, was l.l. vrijdag op de Engelse gronden bij het vuurschip verplicht te ankeren, door dat de sleepboot de trossen losliet. De kettingen slipten, waardoor twee ankers en circa 75 vadem ketting verloren ging. Het schip is heden uitgeklaard naar Taranto.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 8 februari. Volgens een nader rapport is een tjalk met een gedeeltelijk geborgen inventaris van het schip WHITEHALL naar Rotterdam vertrokken en ligt er nog een vaartuig bij om nog meer inventaris daarvan te bergen. Het schip is de loze kiel kwijt, ligt op zijde en is vol water en totaal wrak. Van de lading salpeter kan, doordat het schip op zijn zijde ligt, niets geborgen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 februari. Heden had alhier de publieke verkoop bij inschrijving plaats van 4.518 staven en bundels, wegende ongeveer 2.670 Zweedse centenaars, Zweeds staafijzer, zijnde een gedeelte van de lading van het destijds alhier binnengekomen Noorse brikschip ABSOLUT VETO. Kopers werden de heren H.J. Reesink & Co. te Zutphen voor NLG 8,06 per kilo.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ooltgensplaat, 9 februari. Het barkschip WHITEHALL, kapt. Randall, geladen met salpeter,
6 februari van Brouwershaven naar Hellevoet vertrokken, is op de rivier de Krammer voor deze gemeente aan de grond geraakt en zal vermoedelijk weg zijn. Door de sterke stroom en schuring zit het schip reeds voor het grootste gedeelte onder water. Een tjalk ligt er bij, waarin zoveel mogelijk van de lading wordt geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 8 februari. Het wrak, de geborgen lading en de tuigage van het schip LASS O’ DOON , kapt. Anderson, heeft in veiling NLG 687 opgebracht en de inventaris NLG 885,15.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent de reeds in onze scheepstijdingen kortelijk medegedeelde redding der equipage van het fregatschip ENDYMION door de bemanning van het Nederlandse stoomschip SCHIEDAM, kapt. d’Hamecourt, deelt de Nieuws- en Handelscourant van New-York het volgende mede:
Het van Rotterdam gekomen stoomschip SCHIEDAM, kapt. d’Hamecourt, toebehorende aan de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart-Maatschappij, had aan boord de gehele bemanning van het Engelse fregat ENDYMION, kapt. Waycott, dat, op reis van Musquash, New Brunswick, naar Liverpool, door hen in ontredderde staat was aangetroffen.
Kapt. d’Hamecourt deelt ons daaromtrent de volgende bijzonderheden mede:
,,Nadat wij van ons vertrek van Amsterdam af met zeer veel ruw weer, van het westen, hadden te kampen gehad, en ons daardoor eerst het 8e etmaal op 49º40`NB. 28º WL. bevonden, kregen wij in de namiddag van de 7e januari een schip in ’t zicht.
Alras bemerkten wij dat het schip, zonder enig zeil bij, aan zijn lot was overgelaten, hielden uit onze koers en op het schip aan, om te zien of er nog mensen aan boord waren, en het naderende, ontwaarden wij een noodsein van de voortop, terwijl van al de ra’s stukken van gescheurde zeilen wapperden.
Het weder was tamelijk goed, doch harde regen en een hoge deining van ’t noordwesten en zuiden, waardoor ons schip nogal slingerde. Toen wij zeer nabij waren, zagen wij nog leven aan boord, niettegenstaande de zee er overheen sloeg; de verschansingen waren weggeslagen, van de kajuit waren nog slechts een paar stukken zichtbaar, verder alles van dek geslagen en het schip vol water; de lading, welke uit hout bestond, deed het schip drijvende houden. Een der middelboten werd door ons in gereedheid gebracht, daar de grote reddingboten, wegens de hooglopende deining, het weder aan boord nemen tamelijk moeilijk maakte. Nadat men van het wrak ons te kennen gaf het te willen verlaten, streken wij de boot, welke, bemand met de 1e stuurman Hendrik C. Johan, Willem Stelman (bootsmaat), Hubertus Compier (timmerman) en Hendrik Schulz (kwartiermeester), naar het wrak vertrok.
In twee tochten werd de gehele equipage, bestaande uit 20 koppen, door ons aan boord genomen, doch niet zonder moeite, daar de mensen, welke koud en verhongerd waren, met een touw onder hunne armen door de zich bij ons aan boord bevindende manschappen uit de boten werden opgetrokken, hetgeen met niet veel zachtheid kon gepaard gaan, daar ze van uit de boot al spoedig met de harde ijzeren buitenhuid der SCHIEDAM kennis maakten, doch zulks moest gebeuren, daar er geen tijd was te verliezen wegens het donker worden en de moeilijke ligging van de boot langs de scheepszijde. Echter kwamen allen behouden aan boord. De schipbreukelingen vroegen dadelijk naar voedsel, daar ze sedert 5 dagen weinig of niets hadden te eten gehad, zijnde al de proviand met de kajuit weggeslagen. Ook om drinken: het drinkwater bevond zich onderdek en men kon er niet bij komen daar het schip vol water was. De schipbreukelingen hadden met stormweer reeds een nacht in het scheepstuig doorgebracht, en zou dat wellicht diezelfde nacht hun lot weer zijn geweest, daar er gedurende de gehele nacht een harde wind van ’t noorden woedde.
Het was het Engelse fregat ENDYMION, kapt. Waycott, van St. John, N.B. naar Liverpool bestemd.
De schipbreukelingen werden allen in welstand aan het dok der Nederlandsch- Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij geland en verder door het Brits consulaat verzorgd.
Uit het rapport van kapt. Waycott wordt het volgende ontleend:
Kapt. Waycott deelde mede, dat hij de 12e december Musquash verliet, en het schip reeds de volgende dag, op geringe afstand van St. John, door hevige zeeën belopen, lek sprong.
Een en twintig dagen achtereen was er een opeenhoping van stormen en orkanen. Nacht en dag was men aan de pompen, totdat op de 2e januari het verblijf aan dek onmogelijk werd. De kapitein ordonneerde ,,square yards”, en liet de ENDYMION voor de wind gaan. Twee man werden aan het roer vastgebonden. De orkaanvlagen verbrijzelden de nog aanwezige zeilen, de achterboten met de klampen en al wat zich nog aan dek bevond werd weggeslagen, de deklast raakte los en maakte het gaan langs dek ten hoogste gevaarlijk.
Op donderdag de 4e , des morgens ten 2 uur, werd met een hevige orkaanvlag, de kajuitskap ingeslagen, en begaf men zich in het tuig, nadat men tot de treurige ontdekking kwam dat de provisie wegspoelde. Men had reeds afscheid van elkander genomen en besloten geduldig de vreselijke dood tegemoet te gaan, toen op zondag middag ten 2 ure, te loevert op de rook van een stoomboot werd ontdekt, en een der matrozen een noodvlag aan de grote mast nagelde, die gelukkig aan boord van die boot, de SCHIEDAM, werd opgemerkt.


10 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 17 januari. De gezagvoerder van het schip BRITISH STATESMAN, te St. Helena aangekomen, rapporteert 17 januari het Nederlandse barkschip SMEROE, van Banjoewangi naar Amsterdam bestemd, gepraaid te hebben bij St. Helena na een reis van 59 dagen. De gezagvoerder was de 17de december overleden.
(De SMEROE, kapt. Strootman, vertrok 18 november 1882 van Banjoewangi naar Amsterdam).


11 februari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Queensbro’, 9 februari. Het stoomschip PRINSES MARIE, van Vlissingen naar Queensboro’, is bij het binnenkomen van laatstgemelde haven aan de grond geraakt, maar zonder ogenschijnlijke schade vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stranding EDDYSTONE. Inschrijvingen worden gevraagd voor afbrenging en levering in een droogdok te Amsterdam van bovengenoemd stoomschip, bij Petten gestrand, op voorwaarde bij niet levering te Amsterdam geen betaling.
Robert Muir, p/a. Gemmening & Penning, Gelderschekade 32.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Notaris Hordijk, ter standplaats Helder, zal, op woensdag 21 februari 1883, namiddags 2½ ure, in het lokaal ’t Centrum aldaar, in het openbaar verkopen het Nederlandse barkschip ZEEMANSHOOP, groot 569,29 tonnen, met deszelfs staand en lopend want en verdere inventaris, zoals het ligt in de Binnenhaven te Helder en aldaar te bezichtigen is.
Nadere inlichtingen en notities van de inventaris worden verstrekt ten kantore van genoemde notaris Hordijk, Kanaalweg I.6 en van de makelaar L. W. F. Oudenhoven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 januari. Vrachten. Het jaarlijks overzicht levert, in tegenstelling met 1881, onbevredigende resultaten op. De eerste maanden zijn nog de beste geweest. Veel vraag heerste ook toen wel niet, doch op enkele uitzonderingen na werden toch nog redelijke koersen bedongen en juist met het begin van de nieuwe oogst nam ook de grote aanhoudende daling, die eerst ongeveer een week geleden haar einde heeft bereikt, een aanvang. Over het algemeen was de verwachting hoog gestemd; dit blijkt uit het vooruit bevrachten van verscheidene schepen tot koersen hoger dan in het jaar 1881 betaald werden, en het liet zich dus aanzien, dat men in de volle afscheeptijd nagenoeg dezelfde koersen zou besteed zien als in vorige jaren.
Een grote verandering in deze gunstige stand van zaken bracht de ongewone weersgesteldheid. Toen de bevrachte bodems, vermeerderd met enige vrachtzoekers, die geprefereerd hadden zelf de kans op hogere koers, dan in Europa besteed was, te lopen, binnenkwamen, was de weersgesteldheid van dien aard, dat afvoer naar de strandplaatsen, dus ook flinke afscheep, onmogelijk werden. Instede dus van in de volle afscheep, zoals in vorige jaren, hoge koersen te zien, had men veel moeite, zelfs tot de heersende lage koersen, een bevrachting tot stand te brengen. Ook konden in vorige jaren tot lonende cijfers schepen naar Singapore of de Philippijnen geplaatst worden, maar dit jaar was de toestand tengevolge van de vele wachtende schepen daar even ongunstig als hier en de hoeveelheid daarheen geplaatste ruimte is dan ook niet noemenswaard.
Omtrent de loop van koersen naar Nederland valt niets te zeggen, wat niet reeds in algemene trekken in de aanhef werd medegedeeld. In de eerste helft van het jaar accepteerde de Factorij nog ruimte van de Noord- en Zuidkust tot NLG 70, hoewel zij niet meer geregeld aan de markt was. De particuliere koersen waren vrijwel in overeenstemming hiermede, doch daar licht goed, of eigenlijk lading in het algemeen, gaandeweg schaarser werd, namen zij toch spoedig een dalende richting aan. De Factorij kwam wegens de langzame afvoer in tegenstelling tot vorige jaren in het nieuwe seizoen zeer laat aan de markt en kondigde de 15e augustus een inschrijving op de 23e dier maand aan. De hoeveelheid disponibel gestelde koffie voor ieder schip was slechts 15.000 pikols, en juist dat kwantum maakte het inschrijven zeer lastig. Ieder het wachten moede, wilde onder de opgenomen zijn, maar juist omdat voor het grootste aantal der wachtende schepen deze 15.000 pikols slechts de helft tot tweederde hunner capaciteit zouden uitmaken, begreep ook ieder, dat de resterende ruimte met veel moeite en tot lage koersen zou worden gevuld. De afloop der inschrijving was, dat er slechts twee schepen werden opgenomen, een tot de limiet à NLG 57,50 en een tot NLG 54,95, terwijl kort daarop verscheidene bodems tot NLG 55 de aangeboden 15.000 pikols accepteerden. Wat te voorzien was geweest, gebeurde. Had men kort voor de inschrijving nog NLG 65 en dadelijk daarna NLG 60 voor particuliere koffie bedongen, zeer spoedig was niet meer dan hoogstens NLG 30 te verkrijgen. Rijst werd afgeladen tot NLG 30 à 35, tabak tot NLG 25 à 17,50, huiden tot NLG 50 à 40. Suiker werd bijna niet aangeboden; in het begin van het jaar werd nog NLG 60 tot NLG 75 bedongen, voor een flinke partij werd kort geleden een vraag tot NLG 30 geweigerd en een offerte van NLG 25 geaccepteerd. Voor arak hielden de koersen zich het gehele jaar door vrij stationair; beneden NLG 95 werd niet verscheept, doch om een transactie mogelijk te maken moest dezer dagen NLG 80 worden geaccepteerd.
Voor koffie van Padang en Java naar Amerika werd besteed GBP 3, GBP 2.12/6 en ten slotte GBP 2.2/6; voor suiker GBP 1.15/-.
Ook voor stoomschepen is het afgelopen jaar verre van gunstig geweest. Meer dan één geregelde lijnboot heeft met wanruimte moeten vertrekken en al waren de koersen voor koffie en tabak niet belangrijk lager dan in 1881, suiker was niet te krijgen dan ten koste van concessies. Koffie werd aangenomen tot NLG 70 à 90, tabak tot NLG 85 à 70, en suiker tot tussen NLG 70 en 85 variërende cijfers, alles naar Nederland. Rijst uit de nieuwe oogst werd niet met geregelde lijnboten afgeladen. Een groot gedeelte ging met een in Europa gecharterde boot, terwijl een ander deel per zeilschip werd afgeladen.
De laatste afsluitingen voor Nederlandse schepen zijn: naar Rotterdam JOHANNA EN MARIA ligt aan NLG 80 en NLG 90 voor arak. De stoomschepen INSULINDE en KONINGIN EMMA NLG 90 koffie, NLG 100 specerijen en huiden naar Amsterdam, Ffrs, 90 koffie en peper naar Marseille; stoomschip ZUID-HOLLAND NLG 85 koffie, NLG 100 huiden naar Rotterdam en Ffrs 85 koffie naar Marseille.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: LICHTSTRAAL, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, NEERLANDS VLAG, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, SLIEDRECHT, NIEUWE WATERWEG I en VELOX, en het stoomschip CONRAD.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blijkens een bij het departement van marine ontvangen telegram heeft Zr.Ms. schroefstoomschip LEEUWARDEN, onder bevel van de kapt.t.zee C.F.T. van Woelderen, in de morgen van de 10e dezer van Batavia de terugreis naar Nederland aanvaard.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rapport van kapt. S. Otto, voerende het stoomschip GELDERLAND, op reis van Rotterdam naar Java via Southampton en Marseille:
Januari 26. Vertrokken namiddags 2 ure van Southampton, waren ten 5 ure buiten de Needles, wind ZW. Stijve koelte, ’s nachts aannemend van wind en zee.
Januari 27. Stormweder, ankerden in Tor Bay.
Januari 28. Goed weder, vertrokken om 6 ure ’s ochtends, des avonds WZW. wind, hoge wilde zee, stomende halve kracht, een der koehokken werd stuk geslagen.
Januari 29. Wind WZW. , stormweder, zwaar werkend schip, het gehele dek vol water, watervaten, varkens- en kippenhokken sloegen stuk en overboord; ’s namiddags braken door het zware slingeren de stutten van de halve stoomboot op dek; kregen er gelukkig takels op en behielden haar, de bakboord luchtkoker werd met de kraag uit dek gerukt, waardoor veel water naar beneden stroomde.
Januari 30. Barometer wild dalende, stormweder.
Januari 31. Barometer 738 millimeter, het woei een orkaan, waardoor men niets zien kon, het schip viel twee streken af. Met volle kracht stomende, kon ik het schip niet op de koers krijgen. Door het nieuwe achterzeil te zetten, kwam het schip op koers, doch het stagzeil vloog aan stukken. Ik bleef met volle kracht doorstomen om het schip te sturen, maar kwam geen duim vooruit. Die dag sloegen aan stukken de beide campagnetrappen met leuningen, het tweede koehok, de reling, de kleden der reddingboten, de stoompijpen van de winches, en werd de chef kok overboord geslagen.
Februari 1. Stormweder; lagen met de kop op de zee enkel stuurhoudende, moesten ’s avonds afhouden voor een schip, kregen als toen een stuk water over, waardoor de kap van het salon verbrijzeld werd en veel water in de kajuit drong, de presennings van achter en grootluik met de schalklatten werden losgerukt, veel water kwam daardoor in het ruim.
Februari 2. Afnemend van wind en zee.
Februari 3. Goed weder, vervolgden onze reis en arriveerden de 7e februari te Marseille.
De GELDERLAND heeft veel aan dek geleden, van alle hutten sloegen de lijsten weg en de panelen los en gebroken, de ijzeren verschansing is op sommige plaatsen gescheurd, de relingen zijn krom of geheel verdwenen, het schip bleef dicht en de machine werkte steeds uitstekend. Enige mijner equipage bekwamen kneuzingen, zijn thans aan de beterende hand. Buiten het reeds opgenoemde zijn er nog vele goederen weg en beschadigd, ook het tuig en de zeilen hebben veel geleden, maar wij mogen van geluk spreken dat wij de vreselijke stormen zo goed doorstaan hebben: in mijn leven heb ik nooit zulk weder op mijne vele reizen bijgewoond. De GELDERLAND bewees wederom een sterk, betrouwbaar en uitstekend zeeschip te zijn.
Het stoomschip GELDERLAND, van Rotterdam naar Batavia, vertrok van Marseille de 10e dezer.


12 februari 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. Openbare verkoop. Op dinsdag 6 maart 1883, des voormiddags te 10 uur, zal de ondergetekende in een der lokalen van het vendukantoor te Soerabaija in het openbaar verkopen het schip NAIM, groot 303 tonnen, thans liggende ter rede van Grissee. Nadere inlichtingen bij de ondergetekende.
Enschede, advocaat en procureur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 9 februari. J.l. donderdag werd aan de werf van de heer W.G. Bodewes te Martenshoek te water gelaten het ijzeren tjalkschip de VROUW GEERTJE, groot plm. 70 ton, zullende bevaren worden door schipper J. Snoek, van Gorkum.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 14 januari. Het Nederlandse schip UNIE, kapt. Franken is bevracht van Porte Alegro (Brazilië) naar de westkust.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 9 februari. Een der abonnées van de Veendammer Courant te Rio Grande schrijft aan dat blad van daar, d.d. 14 februari j.l., omtrent de toestand van de baar het volgende:
Met de baar is het wel zo goed als het geweest is; de schepen met 10 voet diepgang hebben weinig oponthoud; ook de schepen, die hier binnen laden, insgelijks; kapt. Slinger, Havenga en Oldenburger, wiens schepen alle drie 12½ palm diepgang hebben, zijn maar twee dagen aan de baar geweest, toen waren ze goed en wel in zee. Thans zijn er geen schepen voor en ook geen om uit te gaan. De TASMANIA, kapt. Schut, ligt klaar met 13½ palm. Ook deze zal er wel gauw uitkomen; de vrachten staan nog laag, want men is hier nog niet druk aan het slachten. Kapt. Kolk, van de JEANNETTE, is bevracht naar Rio Janeiro en Bahia voor 2.300 milreis.; kapt. Pot, van de EGINE, Koerts, van de ALIDA MAGRETHA, kapt. De Jonge, van de SAC À FARINE, zijn alle bevracht van hier om spoorijzer te halen van Montevideo naar Pelotes. Kapt. Franken, van de UNIE, is bevracht van Porto Allegre naar de westkust met een lading droog vlees; kapt. Boekhoud, van de GOORECHT EN OLDAMBT, met droge vellen naar Amerika. Het is hier tegenwoordig zeer warm maar toch gezond. Er is nu een grote boei gelegd met een klok (opm: bel), ongeveer 1,5 mijl van de baar, waar de schepen rond om toe gaan en ook zeer goed dicht bij ankeren. Dan liggen ze op een zeer goede plaats om binnen te komen. Op de Zuidbaar is nog altijd weinig water; de schepen moeten alle de Noordoost-baar passeren, die veel langer dan de Zuidbaar is. Naar men hier zegt heeft het gouvernement twee baggermachines laten maken, die hier op de baar kunnen werken.


13 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cowes, 10 februari. Het schoenerschip NAJADE, kapt. Duit, van Antwerpen naar Caminha, met gemengde lading, is hier lek binnengelopen en zal de lading moeten lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dinsdag 20 februari 1883, des avonds te 6 uur, zal, in het logement van de weduwe J.K. Dijk te Nieuwe Pekela, in het openbaar worden verkocht het in de Nederlanden te huis behorend galjootschip TWEE BROEDERS, laatst bevaren door kapt. E.H. Bakker te Nieuwe Pekela, liggende te Delfzijl, groot 133 tonnen, oude meting, en zulks met al deszelfs opgoederen en toebehoren. De inventaris ligt ter lezing bij de heer boekhouder, J.J. Koerts te Oude Pekela, en ten kantore van de notaris mr. F. Roessingh.


  AH - Algemeen Handelsblad

De stoomboten IJSSEL en MEPPEL II, die door aanvaring op het Zwartewater jl. maandag averij bekwamen, ten gevolge waarvan zij enige dagen oponthoud kregen, zijn naar Amsterdam vertrokken om aan de werf van de heer Goedkoop te worden hersteld. De IJSSEL is met hout gedicht en over het gat in de MEPPEL II is een ijzeren plaat geklonken, zodat ze de reis naar Amsterdam konden ondernemen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 12 februari. Volgens telegram, alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het stoomschip HOLLANDIA, van Rotterdam naar Bilbao, met schade te Cowes binnengelopen. Het zal repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 februari. Door het weigeren om te wenden is Zr.Ms. gaffelschoener ARGUS buiten het vaarwater geraakt en met de hulp van een sleepboot terug gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 februari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram uit Batavia, was de THORBECKE III lek op de rede terug gekomen na te hebben gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij inschrijving. Het Engelse barkschip WHITEHALL, geclassificeerd A. 1 Lloyd’s, nieuw gekoperd in maart 1882 en geheel kopervast, zal bij inschrijving verkocht worden, om contant geld of tegen behoorlijke borgstelling, in de staat zoals het aan de Galatee-bank bevonden wordt.
Biljetten van inschrijving worden ingewacht op donderdag de 15e februari, des voormiddags ten 12 ure, ten kantore PHs. van Ommeren, Wijnhaven No. 15, te Rotterdam. Verkopers behouden zich het recht van gunning voor.
Kopers zijn gehouden om de lading, die nog mocht geborgen worden, tegen bergloon zoals door arbiters bepaald wordt, af te leveren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het stoomschip DRENTHE, van Rotterdam naar Java, vertrok zaterdagmiddag, om langs de Nieuwe Waterweg naar zee te gaan.
Voorbij Maassluis keerde de DRENTHE terug naar Hellevoetsluis, ’s avonds kwam de boot te Nieuwesluis, maar stoomde die dag niet verder.
Gisteren morgen kwam zij te Hellevoetsluis, schutte, en stoomde naar buiten; ’t water was misschien nog niet gewassen, toen zij reeds terug kwam om te trachten langs Zierikzee het ruime sop te kiezen. Het schip is heden ochtend in zee gekomen.
Van Rotterdam naar zee heeft de DRENTHE dus vijf loodsen gehad, het schip had 55 decimeter diepgang.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 februari. Het Nederlandse schip JAN VAN BRAKEL, kapt. Drayer, van Amsterdam naar Hernösand, alhier lek en met meerdere schade binnen gebracht is uit de hand naar Rudkøbing verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De gaffelschoener van de Nederlandse Marine ARGUS, commandant Speelman, is in de Zuidergronden gestrand. Sleepboten zullen trachten het vaartuig af te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 februari. De Nederlandse driemastschoener ALIDA, kapt. Nagel, van Hamburg naar Monte Christo, is gisteren hier binnen gelopen. Op de hoogte van Dover was de gezagvoerder door een zee tegen boord geworpen, waardoor hij belangrijke kneuzing van de ribben bekwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan de buitenkant van de Razende Bol is gestrand de Engelse bark ULVA, kapt. Oakley, van Iquique, laatst van Falmouth, naar Hamburg bestemd, en geladen met salpeter. Acht man zijn met hun eigen boot aan land gekomen en vijf zijn er door de reddingboot gered. De sleepboot uit Nieuwediep is derwaarts vertrokken.


14 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 12 februari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip THORBECKE III, kapt. J. Appel, van Java herwaarts, lek op de rede van Batavia teruggekomen, hebbende gestoten. Men was bezig de lading te lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

?, 12 februari. Het Engelsche schip ULVA, van Iquique met salpeter naar Hamburg, is op de Razende Bol gestrand. Acht man zijn met de sloep geland, vijf zijn nog aan boord. Sleepboten zijn ter assistentie vertrokken. Later werd gemeld, dat de gehele equipage met eigen en reddingboot is gered.


  AH - Algemeen Handelsblad

De opgenomen zeilschipruimte op Java de laatste 3 jaren, bedroeg in gemeten tonnen:
1880 1881 1882
211.633 192.350 206.084
______________________
Waarvan naar Nederland 50.546 51.255 46.959
Waarvan naar ’t Kanaal v.o. en Engeland 104.601 105.968 126.181
Waarvan naar andere havens van Europa, zomede
Australië, China, Amerika, San Francisco en de
Perzische Golf 56.486 35.127 32.944
______________________
Schepen schepen schepen
Hierin deelde de Nederlandse vlag met 93 65 61
En de vreemde vlag met 188 182 207
De opgenomen stoombootruimte bedroeg in hetzelfde
tijdvak: 1880 1881 1882
84.518 114.845 147.627
________________________
Waarvan naar Nederland 50.847 57.394 69.396
Waarvan naar Port-Said voor order 7.398 39.178 59.081
Waarvan naar andere plaatsen van Europa, zomede
Australië 26.273 18.278 19.170
________________________
schepen schepen schepen
Hierin deelde de Nederlandse vlag met 33 35 49
En de vreemde vlag met 16 45 49


15 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 14 februari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het barkschip MINA, kapt. Ouwehand, van Soerabaja naar Rotterdam bestemd, met zware slagzij over bakboord, vijf voet water in het ruim, en met geheel uitgeputte en gedeeltelijk zieke equipage hier binnen gelopen. Het schip heeft een orkaan doorstaan, waardoor het zwaar lek werd en zeilen verloren zijn. Ook vreest men, dat de lading beschadigd zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 februari. Volgens een particulier bericht heeft het Nederlandse schip ORTELIUS, kapt. Jansonius, van hier naar Samarang, met schade te Falmouth binnen, de reparatie geëindigd, de geloste lading weer ingenomen en wacht op een gunstige gelegenheid om de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 februari. Door een aantal blazerschippers van hier is aangenomen de lading te bergen uit het in de Razende Bol gestrande schip ULVA. Heden zijn 16 schuiten naar de strandingplaats vertrokken. Men heeft een contract gemaakt met de stoomsleepbootrederij om het schip af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 10 januari. Vrachten onveranderd.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: LICHTSTRAAL, AUGUSTE, BURGEMEESTER SCHORER, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, NIEUWE WATERWEG I en SLAMAT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 14 februari. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten een ijzeren sleepkaan (opm: KARL EN LUDWIG), groot plm. 335 last, voor rekening van de heer Jean Schmidtz te Mannheim, en daarna de kiel gelegd voor een dergelijk schip, groot plm. 360 last, voor rekening van de heer C.C. Staab te Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 14 februari. Volgens particulier bericht is het stoomschip RHENANIA, na zware storm te hebben doorgestaan deze goed en wel van Rotterdam, te Bilbao aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het stoomschip CELEBES der Stoomvaart-Maatschappij Java, op de werf der Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen alhier verbouwd en herdoopt als SOENDA, zal de 10e maart naar Indië vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rennes, 10 februari. Het schip ANNETTE, kapt. ...., is op de punt van Trevignon ten gevolge van een hoos, die het deed omslaan, verongelukt. Tot heden heeft men noch van het schip noch van de bemanning enig spoor gevonden.


16 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 14 februari. Het schip ADELE, van Batavia naar Sandy Hook, is bij Batavia gestrand, doch zal vermoedelijk zonder schade vlot worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Martinique, 26 januari. Het Nederlandse schip ADRIATIC, kapt. Boon, zal eind deze maand naar Bordeaux vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 14 februari. Het Nederlandse stoomschip HOLLANDIA, van Rotterdam naar Bilbao, hier met enige schade aan het stuurtoestel binnen gelopen, heeft na herstel van de schade de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 februari. Volgens een particulier bericht is het schip KOOPHANDEL EN ZEEVAART, kapt. Van de Kuil, voor 14 februari van Rotterdam te Gibraltar aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 14 februari. De Nederlandse brik TINE, kapt. Wieringa, is op de sleephelling om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 februari. Het bergen van de lading salpeter uit de gestrande Engelse bark ULVA geschiedt tegen 33% van de bruto waarde. Achttien blazers houden zich daarmee bezig en brachten hun lading salpeter gisteren onbeschadigd in het Nieuwediep. Men hoopt morgen de lading aan land te krijgen en twijfelt niet aan het welslagen om na lossing het schip af te brengen. Het schip zit gunstig en is niet lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Thomas, 25 januari. Het Nederlandse schoenerschip HOOP is alhier bevracht voor
GBP 2.2/6 per ton mahoniehout van Cabaret naar het Kanaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 15 februari. Heden is uit de hand verkocht het Nederlandse barkschip ELISABETH, groot 337 Register Ton, eigenaar de heer D. van der Meijden. Koper was Dirk Bauman te Oldersum (Duitsland) voor de prijs van NLG 13.000.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Van het Nederlandse schip HAZARD, kapt. Riks uit Oude Pekela, van Hartlepool naar Gothenburg vertrokken, sedert 3 november heeft men niets meer vernomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

De gaffelschoener ARGUS, commandant de luitenant ter zee 2e klasse jhr. Speelman, had last om naar de Noordzee te gaan ter bescherming van onze vissers. Toen het scheepje buiten in het Schulpengat kwam, stond daar een stevige wind met zware eb. Door de ongeoefendheid van de bemanning – de manschappen waren pas van verschillende schepen afgekomen – liep het gevaar op de Zuidergronden te komen, omdat men een wending niet spoedig genoeg kon uitvoeren, doch door het beleid van de commandant, die dadelijk het anker liet vallen, kwam men dat gevaar te boven.
De vuurtoren gaf daarop een verkeerd sein, zodat men te Nieuwediep meende, dat het schip op de Zuidergronden zat. De admiraal zond toen twee sleepboten en deze brachten het schip binnen de haven, terwijl er ondertussen veel wind was opgestoken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 14 februari. Volgens particulier bericht heeft het schip ORTELIUS, kapt. J.L. Jansonius, van hier naar Semarang, met schade te Falmouth binnen, de reparatie geëindigd, de geloste lading weder ingenomen en wacht het op gunstige gelegenheid om de reis voort te zetten.


17 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 februari. Het stoomschip MAAS, van Rotterdam naar New York, passeerde terugkomende van Scilly met gebroken machine, koersende naar Falmouth.
(opm: zie AH 180283)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 februari. Niet de helft van de lading salpeter van de Engelse bark ULVA is geborgen, doch in het geheel slechts ongeveer 50 last. Het water was heden zo hol, in de gronden, dat de blazers niet langszij van het schip konden komen, en dus niet geborgen werd. De gehele lading bestaat uit 370 last.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 16 februari. Gisteren is aan de fabriek der Maatschappij De Maas te Delfshaven de kiel gelegd voor een nieuw stalen stoomschip voor de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij alhier. De afmetingen zijn 212 voet lang, 30,5 voet breed en 16,75 voet hol. Machine en ketel worden eveneens aan die fabriek vervaardigd. De middellijnen der cilinders zijn 27” en 50” met 36” zuigerslag; de machine zal 500 indicateur paardenkrachten ontwikkelen.
(opm: de SATURNUS)


  AH - Algemeen Handelsblad

Batavia, 15 februari. Het bij Batavia gestrande schip ADÈLE, van Batavia naar Sandy Hook, had een gedeelte der uitgaande lading aan boord.


  JB - Javabode

Het stoomschip WM. MACKINNON is de 13e februari 1883 onder kapt. Jansen van Batavia naar Singapore vertrokken.
(opm: laatst getraceerde reis van dit beschadigde stoomschip; het was op 11 februari onder kapt. Timmermans van Atjeh, Padang en Benkoelen te Batavia gearriveerd met acht passagiers, inlanders en Zr.Ms. troepen)


  BH - Bataviaasch Handelsblad

Advertentie. Wordt te koop aangeboden het vier jaar geleden nieuw gebouwd raderstoomschip ENG GOAN, metende ruim 100 ton. Nadere informatiën te bekomen bij Maclaine, Watson & Co.


18 februari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Pekela, 16 februari. Het schoenerschip HARMONIE met inventaris laatstelijk bevaren door kapt De Groot, is gisteren hier verkocht voor 1.700 gulden. De koper was Willem Harms de Boer, te Nieuwe Pekela.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 17 februari. Bij de Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaart-Maatschappij werd gisterenavond het volgende telegram ontvangen uit Falmouth, van kapt. Bakker, voerende het stoomschip MAAS:
Terug uit zee, zware orkaan gehad, balans van de circulatiepomp gebroken, enige andere lichte schade, balans moet vernieuwd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 februari. De stoomsleepboten IJMUIDEN en ADSISTENT, benevens schuiten en visserslieden, vertrokken hedennacht naar het gestrande schip ULVA om te trachten het af te brengen, doch kwam heden namiddag onverrichterzake terug, daar het schip door de hoge zeeën niet te naderen was. De ULVA is twee streken van ligging veranderd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram van Cowes, vertrok het barkschip MINA, kapt. Ouwehand, van Soerabaja naar Rotterdam bestemd, lek aldaar binnen, heden per sleepboot naar Vlissingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 17 februari. Voor rekening van de heer J. Moraal, te Zwartsluis, is heden bij de scheepsbouwmeester M. van der Kuijl alhier de kiel gelegd voor een ijzeren sleep- schroefstoomboot EBEN HAËZER. De machine voor bovengenoemde stoomboot zal worden vervaardigd in de fabriek van de heer B. Wilton te Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 16 februari. Van de werf der Gebr. Jonker, scheepsbouwmeesters alhier, zijn heden met het beste gevolg te water gelaten de ijzeren sleepkaan SPES NOVA, voor rekening van de heer J. F. Wilson te Lobith, en een ijzeren sleepschip, genaamd FRANS 2, voor rekening van de heer Manders te Veghel. Daarna werd de kiel gelegd van een ijzeren Rijnzeilschip, genaamd JUNIOR, voor rekening van de heer J. Vischer te Schiedam.


19 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 februari. Volgens bij de rederij alhier ontvangen telegram van de 16de dezer, is het schip LAURA, kapt. Koster, van Amsterdam te Dobo gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Melbourne, 30 december. Kapt. O.C. Blok, voerende het schip PAX, van Mauritius hier aangekomen, rapporteert den 9den en 10den dezer een storm te hebben doorgestaan en een stortzee overgekregen te hebben, waardoor enige planken der verschansing werden ingeslagen, watervaten van dek spoelden en veel meer ander schade werd veroorzaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep. Wegens de onstuimige zeeën kon vrijdag 16 februari aan het op de Razende Bol gestrande Engelse schip ULVA, zowel door sleepboten als door schuiten hoegenaamd niets worden uitgericht. Zaterdag werden echter door verscheidene schuiten circa 1.000 balen salpeter aangevoerd, doch het lossen der lading ondervindt belangrijke vertraging door het hoge reeds in het schip staande water (4 â 5 voet), dat hoogst waarschijnlijk door de poorten is gekomen. Als de gelegenheid gunstig is zullen morgen centrifugaalpompen naar het schip worden gebracht om het daarmee van het overvloedige water, hetwelk niet met de scheepspompen is bij te houden, te verlossen.


20 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cowes, 14 februari. Het schip NAJADEN, kapt. Duit, van Antwerpen naar Caminha, hier lek binnen, is bezig met lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 16 februari. Het schoenerschip HARMANNA, groot 141 ton oude meting, gebouwd in 1867, is verkocht voor NLG 1.700. Koper W.H. de Boer te Nieuwe Pekela.
(opm. zie adv. PGC 060283)


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 19 februari. Het stoomschip MADURA, van Amsterdam naar Batavia, is te IJmuiden terug uit zee gekomen om een bekomen lichte averij te herstellen. Het stoomschip zal woensdag a.s. vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 18 februari. Door weer en wind begunstigd brachten dertien schuiten heden plm. 1.000 balen lading (salpeter) van het in de Noordergronden gestrande barkschip ULVA aan, zodat dit met het reeds vroeger aangebrachte circa 1.600 balen uitmaakt. Daar volgens peiling vijf à zes voet water in het schip staan worden de werkzaamheden hierdoor zeer bemoeilijkt, en een gedeelte der aan boord zijnde werklieden moeten voortdurend blijven pompen. Indien het weer gunstig blijft, zal de stoombootrederij hierin morgen voorzien door haar centrifugaalpompen naar het schip te doen vervoeren. De sleepboten ADSISTENT en IJMUIDEN verrichten door het opnemen van peilingen en het slepen van de schuiten naar de strandingplaats, belangrijke diensten.
(Later bericht) Hedenochtend vertrokken van hier de sleepboten met experts en verdere belanghebbenden naar de strandingplaats der Engelse bark ULVA. Bij onderzoek bleek dat het water in het schip belangrijk was gestegen, doch tevens dat het schip in de afgelopen nacht een gunstiger ligging had aangenomen. Men is overgegaan tot het neerlaten der ra’s enz. terwijl door krachtig pompen spoedig 1½ voet werd gewonnen; het lossen der lading bleef echter geheel achterwege en ook liet de gelegenheid niet toe de centrifugaalpompen in de nabijheid van het schip te brengen waardoor men morgen met handpompen de krachten belangrijk zal versterken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping. Op zaterdag 24 februari 1883, des middags ten 12 ure, aan de haven te Delfshaven, ten overstaan van de deurwaarder Johan Coenraad Lach, van een goed onderhouden tjalkschip, genaamd GEERDINA, groot 113 tonnen, met deszelfs staand en lopend want en verdere inventaris, bestaande in ankers, zeilen, kettingen, touwwerk enz.
Vanaf heden ter bovengemelde plaats te bezichtigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 18 februari. Naar men verneemt, zijn bij de Koninklijke Maatschappij
De Schelde alhier in bestelling twee stoommachines met stoomketels, en wel:
- Voor de heren L. Smit & Zoon, scheepsbouwmeesters te Kinderdijk, een compound schroefmachine, met surface condensor, in staat 700 IHP te ontwikkelen, waarvan de voornaamste afmetingen zijn: hoge druk cilinder 27 Engelse duimen, lage druk cilinder 50 Engelse duimen, slaglengte 33 Engelse duimen, voor een bij genoemde firma in aanbouw zijnde zeeboot, groot 1.600 ton, bestemd om onder rederij van de heren Wm. Müller & Co. te Rotterdam te varen.
- Voor de heer H.J. Bonn, scheepsbouwmeester te Charlois bij Rotterdam, een compound machine met surface condensor en van dezelfde kracht en afmetingen als de vorige voor een bij genoemde heer in aanbouw zijnde zeeboot van ongeveer dezelfde grootte als eerstgenoemde, bestemd om onder de rederij van de heren Bonke & Visser te Rotterdam te varen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoop. De weduwe O. B. Schuitema zal, ten overstaan van de ondergetekende, op maandag de 26e februari a.s., ’s avonds 7 uur, ten huize van de logementhouder J. H. Roelfzema te Hoogezand, publiek, à contant, verkopen het in 1872 nieuw gebouwd en uitmuntend onderhouden tjalkschip KOSMOPOLIET, groot 102 tonnen, met deszelfs complete inventaris, thans liggende te Veendam bij de werf van - en te bevragen bij de scheepsbouwer B. van der Werf aldaar.
T. Agterbos Jr. deurwaarder te Hoogezand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 18 februari. Hedenochtend vertrokken van hier de sleepboten ADSISTENT en IJMUIDEN met Engelse en Nederlandse assuradeuren, opnieuw naar het op de Razende Bol gestrande schip ULVA. Daar aangekomen, ontdekte men spoedig dat het schip vol water zat, doch dat de kans om het af te brengen er niet minder op geworden was. Met pompen won men in korte tijd vier à vijf decimeter, terwijl ook de ra’s naar beneden zijn genomen. Het schip zit thans op 3½ voet water, waardoor men het vaartuig met de centrifugaalpompen tot heden nog niet kon naderen, zodat men er morgen, wind en weer dienende, toe zal overgaan, het aantal pompen te vermeerderen. Heden werd er geen lading gelost.


21 februari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Elsfleth, 18 februari. Het schip PALLAS, kapt. Stege, van Tjilatjap te Cadiz binnen, heeft volgens telegram order bekomen voor Greenock.


  AH - Algemeen Handelsblad

Leith, 18 februari. Het stoomschip AMULET is gisterenmorgen bij het verlaten van het Albert Dock, met bestemming naar Rotterdam, door het niet luisteren naar het roer bij de West Pier aan de grond geraakt, doch na verloop van 20 minuten met assistentie van een sleepboot zonder schade vlot gekomen, en heeft de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 februari. Heden liep met goed gevolg van de werf der firma H.F. Ulrichs te Vegesack bij Bremen van stapel het stalen stoomschip HISPANIA, gebouwd voor rekening der firma Wm.H. Müller & Co. alhier en bestemd om dienst te doen als general trader.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 19 februari. Van de werf der firma Wed. C. Boele & Zonen alhier werd heden met goed gevolg te water gelaten de sleepschroefstoomboot TÉLÉMAQUE, gebouwd voor rekening van de heer H. van Woerkom te Rotterdam. De machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heer H.J. Koopman te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De toestand van de ULVA is onveranderd. Ongeveer 150 balen salpeter, zwaar beschadigd, zijn nog aangebracht, terwijl men vreest de overige lading door smelting niet te kunnen bergen. Sleepboten en pompers, hedenmiddag hier terug gekeerd, vertrekken morgenvroeg derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 20 februari. Kort nadat de sleepboten en pompers de ULVA hadden verlaten, is het schip op zijn zijde gevallen en is waarschijnlijk verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 19 februari. Het Engelse schip SARMATIAN, in ballast van hier naar Calcutta bestemd, is bij Panaroekan aan de grond. Een stoomboot is ter assistentie afgezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 20 februari. Het Nederlandse schip MINA, kapt. Ouwehand, van Soerabaja naar Rotterdam, laatst van Cowes, alhier binnen gesleept, maakt een duim water in het uur, nu het in het dok ligt. Het schip heeft een diepgang van 59 palm en zal tot 54½ palm moeten lichten.


22 februari 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 21 februari. Drijvende voorwerpen van het schip ULVA worden alhier aangebracht; het water stroomt het voorluik uit en in.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 21 februari. Het stoomschip MAAS, kapt. Bakker, van Rotterdam naar New York, de 16e dezer te Falmouth binnen met schade aan de machine, heeft na volbrachte reparatie, des morgens van de 21e dezer, de reis voortgezet.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 20 februari. Het alhier van Batavia binnengesleepte schip MINA, kapt. Ouwehand, moet alhier lossen en repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Soerabaya direct ligt te Rotterdam in lading het nieuw gebouwd Nederlands ijzeren barkschip LOTOS, kapt. I.G. Wiebenga. Spoedige expeditie.
Adres de cargadoors Kuyper van Dam & Smeer, Vroege & De Wijs, te Rotterdam en
Canne & Balwé, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen.
Uitgifte van een obligatielening, groot NLG 1.100.000 in obligaties à NLG 1000 en NLG 500.
Gewaarborgd door eerste hypotheek 4½ % rente dragend, en aflosbaar a pari.
Prijs van uitgifte 95 %.
De inschrijving zal plaats vinden op maandag 26 februari 1883 te Amsterdam ter kantore der Amsterdamsche Bank, der heren Jolles & Co., der heren H. Oyens & Zonen, der heren Wertheim & Gompertz en der heren Wurfbain & Zoon, en te Rotterdam ten kantore der Rotterdamsche Bank, alwaar prospecti en inschrijvingsbiljetten verkrijgbaar zijn.
Houders van aflosbare obligaties 4½ % en 5 % genieten de voorkeur voor het nominale bedrag hunner obligaties.
J. M. van der Made.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfshaven, 21 februari. Volgens een heden ontvangen telegram is het schip J.H. HENKES, kapt. Van Heuveln, behouden van Manzanilla te Bremerhaven aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naamloze Vennootschap Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen. Ingevolge besluit van de heren aandeelhouders in de buitengewone algemene vergadering op 16 februari wordt de 5 % hypothecaire lening, groot alsnog NLG 653.700 à pari afgelost, met bijbeltaling van 315 dagen rente à 5 % over het nominaal bedrag. De stukken kunnen vanaf 16 maart eerstkomend ter betaling worden aangeboden ten kantore der Amsterdamsche Bank alhier.
Amsterdam, 20 februari 1883, J.M. van der Made, directeur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 20 februari. Volgens een hier ontvangen bericht is het schip ZWAANTJE GROENENDAAL, kapt. Pekelder, te Yarmouth gearriveerd. Aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 februari. Drijvend rondhout van de ULVA is hier aangebracht. De branding slaat over het schip heen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 20 januari. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip
NICOLAAS FRANS de 19de januari te St. Catharina aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 17 januari. Vrachten. Veel nieuws valt niet te vermelden, want, hoewel de vraag naar scheepsruimte enigszins verbeterde, was de behoefte toch niet zo dringend, dat zij een verhoging der koersen tengevolge had, en de weinige afdoeningen, welke tot stand kwamen, hebben dan ook de laatst betaalde cijfers tot basis. Naar Nederland werden een paar schepen aangelegd, hoofdzakelijk op licht goed; lading, voornamelijk zwaar goed, is echter zeer schaars en voor koffie mag de notering dan ook niet hoger dan NLG 30 worden aangenomen. Naar het Kanaal werden in de Westhoek schepen gezocht en afschepers zouden genegen zijn voor passende vaartuigen naar omstandigheden goede koersen te besteden. Schepen echter, welke niet in alle opzichten voldoen, bedingen niet meer dan waarmede men zich in de Oosthoek moet tevreden stellen, alwaar tot GBP 1.12/6 ruimte werd verkregen. Naar Amerika werd voor suiker van Java naar Sandy Hook voor orders in Europa een hier liggend schip bevracht. Naar Australië noch naar de Perzische Golf vonden afdoeningen plaats.
De afdoeningen van Nederlandse schepen waren: LICHTSTRAAL ligt aan, NLG 30 koffie, licht goed tot geheime conditiën, en NEERLANDS VLAG idem, diverse producten tot geheime conditiën, naar Nederland; stoomschip CONRAD NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 110 specerijen, naar Amsterdam; BURGEMEESTER SCHORER GBP 1.12/6 suiker van de Oosthoek naar het Kanaal; stoomschip UTRECHT NLG 85 koffie, NLG 100 huiden naar Rotterdam en Ffrs 70 suiker naar Marseille.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: AUGUSTE, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, MARTINA JOHANNA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, SLIEDRECHT, NIEUWE WATERWEG I, SLAMAT, ALCMARIA VICTRIX, URANIA en SOERABAIJA, en het stoomschip PRINS ALEXANDER.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 20 februari. Heden werd met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren barkschip LOTOS, gebouwd door de heren Bothof & Gravestein voor rekening van de heren Koning & Van Delden te Rotterdam en bestemd voor de grote vaart. Het schip heeft van alle verenigingen de eerste klasse en bovendien de ster van Veritas en Lloyd. Het zal gevoerd worden door kapt. J.G. Wiebenga.
(opm: zie ook SH 040483)


23 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delftshaven, 22 februari. Heden liep alhier met goed gevolg te water van de scheepswerf Maatschappij de Maas een ijzeren schroefstoombootje, alhier gebouwd voor rekening van de Nederlandsche Rhijnspoorweg Maatschappij. Het heeft de volgende afmetingen: lengte 19 meter, wijdte 4½ meter, hol 2,2 meter, laadvermogen 25 ton. De machine is van het compound systeem, 16 paardenkrachten nominaal. Genoemd bootje is voor de sleepdienst en het goederen vervoer bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Castricum, 21 februari. Het hol en de geborgen inventaris en hoeveelheid tarwe van het bij Kamperduin gestrande schip CARNET, heeft NLG 1.050 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Volgens een telegram uit Sydney dd. 21 dezer, is de Nederlandse bark CALIFORNIA, kapt. Köpcke, na een reis van 82 dagen, van Soerabaja aldaar aangekomen. Aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 februari. Het ijzeren barkschip ULVA, in de Noordergronden gestrand, zal publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 februari. Heden werd alhier openbaar verkocht de Nederlandse bark ZEEMANSHOOP met staand en lopend want en verdere inventaris. De koper was de heer J.F. Tinkelenberg voor NLG 4.580.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Nieuwe Pekela op 20 februari: het Nederlandse galjootschip TWEE BROEDERS, laatst bevaren door kapt. Bakker, groot 113 ton nieuwe meting, gebouwd in 1851: opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Waspik, 20 februari. Heden liep met goed gevolg van de werf van de heer J. de Graaf alhier te water het houten aakschip MARIA, schipper C. de Bruyn, groot ongeveer 140 (eenheid niet vermeld, lasten of tonnen)
Binnenkort wordt op diezelfde werf wederom de kiel gelegd voor een soortgelijk vaartuig.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 21 februari. Volgens particulier bericht is het schip NICOLAAS FRANS, kapt. H.A. Karsies, den 10den januari te St. Catharina (Zuid-Amerika) aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Blijkens de bij de uitgevers van de Zeepost verschenen Staat der Nederlandsche Zeemacht en Koopvaardijvloot op 1 januari 1883, zijn gedurende het jaar 1882 ten gevolge van schipbreuk, zinken, afkeuren, vermist geraken, afbranden en slopen uit de vaart geraakt:
57 zeil- en stoomschepen, metende 14.820 tonnen, en door verkoop naar het buitenland 23 zeil- en stoomschepen, metende 9.408 tonnen, te zamen dus 80 zeil- en stoomschepen, metende 24.228 tonnen. – Daarentegen kwamen in de vaart: 12 nieuw gebouwde stoomschepen, metende 23.806 tonnen, 3 nieuw gebouwde zeilschepen, metende 2.300 tonnen, 18 onder vreemde vlag aangekochte zeilschepen, die onder Nederlandse vlag werden gebracht, metende 6.156 tonnen, te zamen 33 zeil- en stoomschepen, metende 32.162 tonnen. Zodat de Nederlandsche koopvaardijvloot met 7.934 tonnen is vermeerderd. In Nederland waren in aanbouw 3 barken en 8 stoomschepen en in het buitenland voor Nederlandse rekening 4 stoomschepen, te zamen een inhoud zullende hebben van ruim 27.000 tonnen, waarvan 7 stoomschepen bestemd zijn voor de vaart op Nederlandsch Oost-Indië.
Gedurende het jaar 1882 zijn onder Nederlandsche vlag in de vaart geweest naar plaatsen aan gene zijde van Kaap de Goede Hoop: van Amsterdam 34 zeilschepen, metende 30.035 tonnen, en 15 stoomschepen, metende 40.988 tonnen; van Rotterdam 24 zeilschepen, metende 23.198 tonnen, en 8 stoomschepen, metende 17.226 tonnen, en van andere plaatsen in Nederland 32 zeilschepen, metende 31.083 tonnen.


24 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op dinsdag de 20e maart 1883, des voormiddags ten elf ure, zal ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam, eerste kamer, zitting houdende in het gerechtsgebouw op de Prinsengracht, bij de Leidschestraat, bij gerechtelijke uitwinning aan de meestbiedende of hoogst mijnende worden verkocht een schip, zijnde een stoombarge, genaamd DE NIEUWE ONDERNEMING, liggende te Amsterdam in de Binnen-Amstel, tegenover de Korte Amstelstraat, groot 29 tonnen, na aftrek van 2/3 der machinekamer, met en benevens de machine en verdere inventaris.
Zijnde dezelve stoombarge in executoriaal beslag genomen ten verzoeke van de handelsvennootschap onder de firma Huijgens & van Gelder, gevestigd en kantoorhoudende te Amsterdam, in de Oostenburgervoorstraat nº. 29, ten deze woonplaats gekozen hebbende ten kantore van de procureur mr. L. Stevens, op de Keizersgracht, bij de Reguliersgracht nº. 738, die als zodanig gesteld wordt om de executoriale verkoop van gemelde stoombarge ter bovengemelde terechtzitting te vervolgen, uit krachte van een vonnis door de arrondissementrechtbank te Amsterdam (tweede kamer) de 22e december 1800 twee en tachtig tussen de executanten en F. P. Burggraaf, wonende te Diemen, op tegenspraak gewezen, zijnde geregistreerd, ten einde betaling te verlangen ener som van NLG 348,09 met renten en gerechtskosten.
De gemelde stoombarge en toebehoren worden door de executanten ingezet op een somma van NLG 600.
De memorie van veilcondities is neder gelegd ter griffie van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam, terwijl ook ten kantore van de ondergetekende procureur van genoemde memorie inzage kan worden genomen en nadere inlichtingen zijn te bekomen.
L. Stevens, procureur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een bevaren tjalkschip, groot 111 ton, 5 jaar oud, met complete inventaris. Te bevragen bij W.G. Bodewes, scheepsbouwmeester te Martenshoek.


25 februari 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 februari. Een eenvoudige, maar betekenisvolle plechtigheid had heden middag plaats aan boord van het aan de Stads-Rietlanden liggende stoomschip INSULINDE, van de Stoomvaart-Maatschappij Nederland. Aldaar hadden zich verenigd de directeuren en commissarissen der maatschappij, het personeel harer beambten, gezagvoerders en officieren, voor zover die zich binnen’slands bevinden, benevens de twee zonen van wijlen jhr. mr. C. J. A. Den Tex, in leven president- commissaris van de maatschappij.
Door de vice- president, de heer A. A. Bienfait, werden de heren Den Tex verwelkomd bij deze plechtigheid, welke ten doel had de naam van hun vader aan een van de schoonste stoomschepen der maatschappij te verbinden. De directeur, de heer J. Boissevain, schetste daarna in een hartelijke toespraak, wat jhr. mr. Den Tex voor handel en nijverheid in het algemeen en voor deze maatschappij in het bijzonder geweest is.
Op een gegeven teken rees toen de vlag, dragende de naam van de hooggeschatte peter van het zeekasteel, statig aan de grote top, van waar zij sierlijk uitwoei, de naam Den Tex over de brede wateren en ijzeren banen, die Amsterdam met de handelswereld verbinden, uitroepende
De oudste zoon van de heer Den Tex sprak zijn dank uit voor de eer, aan de nagedachtenis zijns onvergetelijke vaders bewezen. Toen nam de commandant Graadt van Roggen het woord om in krachtige zeemanstaal zichzelve en zijn schip geluk te wensen met de naamsverwisseling, welke naar hij vast vertrouwde aan de maatschappij en aan allen, die hun leven of hunne bezittingen aan haar toevertrouwen, heil zal brengen.
Een glas schuimende wijn bezegelde deze woorden, waarna de gasten de gelegenheid niet verzuimden om het sierlijke stoomschip, een der meesterstukken van de hedendaagse scheepsbouwkunst, in ogenschouw te nemen.
(opm: de BURGEMEESTER DEN TEX, kapt. J.F. Graadt van Roggen, is op 21 maart 1883 voor de eerste reis onder de nieuwe naam van Amsterdam naar Nederlands-Indië vertrokken)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen. Uitgifte van een obligatielening, groot NLG 1.100.000 in obligaties à NLG 1000 en NLG 500, gewaarborgd door eerste hypotheek 4½ % rente dragend, en aflosbaar a pari. Prijs van uitgifte 95 %.
De inschrijving zal plaats vinden op maandag 26 februari 1883,
- te Amsterdam ten kantore der Amsterdamsche Bank, de heren Jolles & Co., de heren H. Oyens & Zonen, de heren Wertheim & Gompertz en de heren Wurfbain & Zoon.
- te Rotterdam ten kantore der Rotterdamsche Bank,
alwaar prospecti inschrijvingsbiljetten verkrijgbaar zijn.
Houders van aflosbare obligaties 4½ % en 5 % genieten de voorkeur voor het nominale bedrag hunner obligaties.
J. M. van der Made, directeur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Volgens een telegram uit Londen is het Nederlandse schip OCEAAN, kapt. Post, van Vlaardingen naar Lissabon, in de Goodwin Sands gestrand, doch later, zonder schade afgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 24 februari. Volgens een rapport van de vuurtoren van Noord Schouwen zit een schoener op de buitenkant van de Ooster aan de grond. De sleepboot HELLEVOETSLUIS is derwaarts vertrokken. Volgens een nader rapport van de sleepboot ZUID HOLLAND zit het schip hoog op de Ooster. De sleepboot kon door te grote diepgang niet nabij komen. Een visserhoogaars lag langszijde. Er drijven veel planken in dit zeegat, vermoedelijk afkomstig van gemelde schoener.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 24 februari. De schoener op de Ooster gestrand, is de Noorse schoener HAABET, kapt. Nohre, van Christiania, geladen met hout en bestemd naar Dordrecht. Het schip is vol water en gebroken. De kapitein en de gehele equipage is hier met een hoogaars aangekomen. Men zal trachten van de inventaris en lading zoveel mogelijk te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 23 februari. De OCEAAN, kapt. Post, van Vlaardingen naar Lissabon , is hedenochtend op de Goodwin Sands aan de grond geraakt bij dikke mist, doch kwam met hoog water, geassisteerd door bootslieden van Deal, vlot, en is bij de Duins ten anker gekomen. De gezagvoerder gelooft, dat het schip geen schade heeft geleden.


26 februari 1883


  JB - Javabode

Batavia, 26 februari. De stoomboot BROMO van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij heeft volgens bericht op een modderbank bij de 1e punt van Straat Banka vastgezeten, ongeveer 145 mijlen van Palembang af. Latere berichten, van een opvarende van de TAMBORA ontvangen, die echter nog bevestiging behoeven, houden in, dat de BROMO zaterdag (opm: 24 februari) reeds weder vlot is gekomen. Volgens later bericht is de boot heden te Singapore aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 februari. Volgens een particulier bericht uit Havana dd. 8 dezer, heeft het schip EMMA, kapt. Olsen, van Pensacola naar Londen, met schade te Havana binnen, de reparatie geëindigd en zou de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 25 februari. De 23e dezer is op de hoogte van Portland, drijvende voor stilte, gezien een Nederlandse bark, volgens de beschrijving volkomen overeenkomende met de NOACH IV, die 14 november van Pasaroeang naar Rotterdam vertrok.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 februari. Heden werd alhier in het openbaar verkocht het wrak van het Engelse barkschip ULVA, gevoerd geweest door kapt. Geo Oakley, met de nog inhebbende lading salpeter, en de zich nog aan boord bevindende scheepsinventaris, zodanig als het wrak thans in gestrande toestand is, zittende op de Razende Bol in de Noordzee. De koper, de heer S. van Gijn Pzn., alhier voor NLG 128.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 24 februari. Dat de Nieuwe Rotterdamsche Waterweg nog zo slecht niet is als sommigen menen, blijkt uit het feit, dat de sloep LUCTOR ET EMERGO, van Pernis, daar is binnengekomen met peil laag water, met een diepgang van 4 m, zonder de minste verhindering te hebben.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 24 februari. Heden is uit de hand verkocht aan de heren Volker & Co. de sleepstoomboot TELEGRAAF, van de Harlinger Stoomsleepbootmaatschappij. Prijs geheim.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Castricum, 21 februari. De romp en de geborgen inventaris van het bij Kamperduin gestrande schip CORNET, kapt. Le Gobien, van Maldon naar Plymouth, hebben met de geborgen lading NLG 1.050 opgebracht.


27 februari 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 21 februari. Volgens particulier telegram is het weder tot nu toe te ongunstig geweest om iets van de lading van het gestrande stoomschip HECLA te kunnen bergen. De lading gerst is geheel nat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 25 februari. Uit de op de Ooster gestrande schoener HAABET, kapt. Nohre, zijn alhier aangebracht pl.m. 43 battings, 54 balken en een scheepsanker. Men hoopt meer te bergen. Te Brouwershaven zijn 7 vaartuigen met de lading hout en inventaris van de HAABET aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen in Frascati te Amsterdam op 26 februari: het barkschip HOLLAND, voor NLG 8.000 opgehouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Te koop gevraagd een in goede staat zijnd tjalkschip, groot ongeveer 75 tonnen. Opgaven van ouderdom en prijs worden franco ingewacht bij Johs. T. Dijkstra te Cocksdorp.


28 februari 1883


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag zullen John Pryce & Co. op publieke vendutie verkopen het raderstoomschip ENG GOAN, metende 102 tonnen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 26 februari. Volgens telegram uit Londen, hier bij de Vereniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip HELENA FLORENTINA op 17 februari zwaar lek op zee verlaten. Een gedeelte van de equipage is gered.
(opm: Het schip HELENA FLORENTINA, kapt. B.C. Rozenbeek, was 30 september l.l. van Amsterdam te Suriname aangekomen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 24 februari. Het schip AUGUSTE, van Newport naar Hongkong, is hier met schade binnen gesleept. Het schip heeft een cycloon doorstaan. Bij het binnen komen heeft het op de baar gestoten, doch vermoedelijk geen schade geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 27 februari. Uit de op de Ooster gestrande schoener HAABET, zijn 148 balken en een watervat aangebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 25 februari. Het Nederlandse barkschip CASPAR DE ROBLES, kapt. P. Bos, van Hernösand, de 19e november van het vorige jaar bij het binnenkomen alhier tegen de stroomleidende dam op de Pollen geraakt, is tot onderzoek van de bodem gekield, en de koperhuid ernstig beschadigd bevonden. Het schip wordt onder leiding van de expert der Germanischer Lloyd gerepareerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Madeira, 21 februari. De schoener ANNA EN GESINE, kapt. Wishuizen, geladen met koffie, werd 7 dezer op 45º NB 15º WL in zinkende staat door de bemanning verlaten. Twee mannen zijn verdronken. De overigen werden door het Noorse barkschip MERLAND, van Bordeaux naar Mexico bestemd, gered en zijn hier geland.


01 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 februari. Het gisteren in veiling gebrachte Nederlands barkschip HOLLAND, groot 534 ton nieuwe meting, gebouwd in 1854, kon NLG 8.000 opbrengen, doch het is ingehouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Swansea, 26 februari. De kapitein van het schip CAMBRIAN, heden hier van Tucacas aangekomen, rapporteert op de 17e dezer, te 2 uur des namiddags, op 44º21' NB 23º30' WL gered te hebben vier man der equipage van het te Harlingen te huis behorend brigantijnschip HELENA FLORENTINA, kapt. B.C. Rozenbeek, van Nickerie naar Londen, dat geheel ontredderd was. Op de 12e dezer was gemeld schip door een hevige storm belopen, te acht uur kwam een hevige stortzee over, waardoor de kapitein en stuurman overboord sloegen en verdronken; verder werd alles van dek geslagen: de kajuit en alle provisie, het stuurtoestel, de kompassen, de watervaten en boten en alles wat tot de pompen behoorde. Het schip maakte toen veel water en er woei een flinke bries, afgewisseld door hevige stormvlagen, terwijl er een hoge wilde zee liep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen:
- Het Nederlandse schoenerschip ANNA, groot 132 ton nieuwe meting, gebouwd in 1855, is uit de hand verkocht aan de heer D.P. Spierenburg te Rotterdam.
- Het Nederlandse kofschip TWEE BROEDERS, te Nieuwe Pekela in veiling opgehouden, is voor NLG 1.200 uit de hand verkocht aan kapt. D. Geltes te Farmsum.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 27 februari. Heden werd van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pzn. alhier met goed gevolg te water gelaten de ijzeren sleepkaan ANNA CATHARINA, groot ca. 380 last, gebouwd voor rekening van de heer Jos. Fendel te Neuendorf.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam 28 februari. Volgens een ontvangen telegram van Dariën is het schip VOORLICHTER, kapt. Sipkes, heden goed en wel van Sapelo met bestemming Samarang vertrokken. Schip en equipage bevonden zich in de beste welstand.


02 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 28 februari. Uit de op de Ooster gestrande schoener HAABET zijn gisteren 62 en vandaag 103 balken aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 28 februari. De geborgen scheepsinventaris van het in de Noordergronden gestrande Engelse barkschip ULVA is heden alhier publiek verkocht en heeft NLG 2.009,80 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 februari. Het schip ADELE, van hier naar Sandy Hook, is vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 1 maart. Kapitein Chevalier, voerende het stoomschip ZAANDAM, 14 februari van New York vertrokken naar Amsterdam en 28 februari hier gearriveerd, rapporteert gedurende de gehele reis een bijzonder hoge barometer gehad te hebben, met variabele zuidoostelijke winden en meest dik weer. De 19e februari op 46º NB 49º WL passeerde men zware ijsvelden en 2 ijsbergen, naar gissing 70 à 80 voet hoog. Hielden gedurende 2 uren om de Zuid, teneinde van het ijs vrij te komen. De 26e februari op 49º40’ NB 09º45’ WL praaide men een Engelse bark, tonende QBTR, koersende om de Oost.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 28 februari. De Nederlandse driemastschoener ALIDA, op 11 dezer door ongesteldheid van de gezagvoerder uit zee hier binnengekomen, vertrok heden naar zijn bestemming Monte Christo, zijnde de gezagvoerder Nagel achtergebleven en vervangen door de gezagvoerder A. Giesen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 28 februari. Aangaande het stoomschip EDDYSTONE, bij Petten gestrand, wordt ons het volgende gemeld: De berging der lading en het afbrengen van het schip werd aangenomen door B.C. Weltevreden, van Maassluis, en geschiedt uitsluitend onder zijn beheer; de duiker I. Nieman, van Ouddorp, verleent daarbij zijn diensten. De lading, hoewel nat, is op een 40 tons na, reeds geheel gelost en wordt te Amsterdam afgeleverd. Er bestaat veel kans het schip bij gunstige gelegenheid af te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 28 februari. Het schip JOHANNA JANTINA, kapt. H. Luken, van Bremen naar Amsterdam, neemt de geloste lading weder in.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het Nederlands schoenerschip ANNA, gevoerd geweest door kapt. A.M de Jonge, groot 131 ton nieuwe meting, gebouwd in 1855, is uit de hand verkocht aan de heer D.P. Spierenburg te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het Nederlands kofschip .?. BROEDERS, gevoerd geweest door kapt. E.H. Bakker, te Nieuwe Pekela in veiling opgehouden, is voor NLG 1.200 uit de hand verkocht aan kapt. D. Geltes te Farmsum.


03 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 maart. De lading van het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE, van Hull herwaarts, is thans grotendeels zwaar beschadigd geborgen en in het Westelijk Entrepot alhier opgeslagen. Er bestaat weinig kans het schip af te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Leith, 27 februari. Het schoenerschip JANTJE MARTENS, kapt. E. Vegter, in Alnmouth-baai ten anker liggende, heeft anker en ketting verloren.


04 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

San Francisco, 27 februari. Vrachtbericht. Vrachten zijn flauw, No. 1 Standard Californische tarwe USD 1,94 per Ct. v.a.b. + ca. 51½ sh. per quarter (500 p.) k.v. en a. naar Liverpool of ca. 52 sh. k.v. en a. naar Groot-Brittannië om order per ijzeren schip. Vrachten 40 sh. naar Liverpool, 42½ sh. Groot-Brittannië v.o. en 47½ sh. vasteland tussen Havre en Hamburg, voor ijzeren schepen prompte verscheping. Er liggen tegenwoordig 40.000 t. naar Europa in lading terwijl er zich nog 45.000 t. voor tarwe geschikte scheepsruimte in de haven bevinden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 3 maart. Heden werd van de werf der firma Wed. C. Boele & Zonen alhier met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip DRIE GEBROEDERS IV, groot 155 lasten, gebouwd voor rekening van de heren Gebr. Haubrich te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 3 maart. Van de werf, toebehorende aan de scheepsbouwmeesters Gebr. Van der Windt alhier, is heden met goed gevolg te water gelaten de logger GERARDINA, voor rekening van de heer A. de Niet te Scheveningen, zullende gevoerd worden door schipper K. Roeleveld, bestemd voor de haringvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 3 maart. Uit de Noorse schoener HAABET zijn totaal alhier aangebracht circa 480 balken. Het schip is nu geheel ledig en wrak.


05 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 1 maart. Van het schip CAROLINE, kapt. Balk, de 18e oktober van Northfleet naar Riga vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 4 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip WATERGEUS, kat. Kuiper, gisteren te Osterrisoer gearriveerd.


06 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 3 maart. Volgens hier ontvangen bericht is het schip KOSMOPOLIET III, kapt. Albers, van Brouwershaven herwaarts bestemd, in het Hellegat aan de grond gevaren. Assistentie is derwaarts vertrokken.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 6 maart. Het schip NAIM, heden morgen door Mr. Enschedé ten vendukantore verkocht, bracht NLG 4.800 op. Koper Said Hassan bin Abdulrachman Moelaheila.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 6 maart. Zr.Ms. stoomschip CURAÇAO, laatst wachtschip ter rede alhier, is buiten dienst gesteld en zal door een deskundige commissie worden onderzocht, in hoeverre dit schip nog voor ’s konings dienst geschikt is.
Zr.Ms. ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, dat vanaf mei 1882 alhier in reparatie is en onder andere een nieuw dek, nieuwe verschansing en nieuwe stoomketels heeft gekregen, zal eerlang gereed komen. Dit schip heeft reeds dezer dagen met goed gevolg in het bassin van het Marine-etablissement aan de ketting proef gestoomd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het Nederlandse schip JOHANNA EN MARIA, gezagvoerder Schall, agenten J. Daendels & Co., is het eerste zeilschip, dat uit eigen beweging, hier op de rede liggende, deze verlaten heeft en de nieuwe haven van Tandjong Priok heeft opgezocht, om vrij te komen van de soesah, die de gemeenschap met de wal gedurende dit jaargetijde op de rede oplevert.
Waarschijnlijk zal dit voorbeeld dezer dagen ook door andere zeilschepen op de rede gevolgd worden. Het feit verdient opmerking, omdat tot nog toe steeds beweerd was, dat de zeilschepen de laatste zouden zijn om aan de haven van Priok boven de rede de voorkeur te geven.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 4 maart. De ADA VAN HOLLAND is voor enige maanden uit de vaart. Zij zal een nieuwe ketel en een nieuwe machine erlangen; deze nieuwe machine zal daarin de oude overtreffen, dat de overtocht veel sneller kan plaats hebben. De FLEVO is gedurende die tijd in dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Naar men verneemt zal Zr.Ms. raderstoomschip 1e klasse VALK de 24e dezer in dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 5 maart. Heden vertrok van hier naar Grangemouth het schip ANTOINETTE ELISE, kapt. Burghout, ex-DANNENBOOM, kapt. Nicholis.


07 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Heden is door de Stoomvaart-Maatschappij Nederland onder beheer van de ingenieur architect A.L. van Gendt in het café De Roode Leeuw te Amsterdam, is aanbesteed het maken van de gebouwen en inrichtingen voor het etablissement op de Handelskade aldaar; ingekomen waren 15 inschrijvingsbiljetten. De minste inschrijver was de heer B. Zuijderhoek te Zandvoort, voor de som van NLG 189.800,-; de hoogste de firma Oostering & Schut, te Amsterdam, voor NLG 219.900,-.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 6 maart. Ofschoon het stormweer is uit het NW, heeft de FLEVO hedenmorgen nog twee tochten gedaan, die beiden flink slaagden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Terschelling, 6 maart. Alhier is binnen gekomen de stoomboot TIJD met een tjalk op sleeptouw. De sleepboot ADSISTENT is uitgegaan om een schuit te zoeken welke op het Grind is gestrand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Te koop bij J. Berg Jz. te Sappemeer een kofschipshol (ZANDSTROOK), oud 12 jaar, groot plm. 120 binnentonnen, in 1882 geheel verzien en verbreeuwd, doch sedert gestrand geweest, waardoor voor zeevaart ongeschikt, evenwel voor lichterschip, zowel voor granen als steenkool bijzonder passende, ligplaats Hoogezand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 6 maart. De Noorse bark VESTA, naar Hamburg bestemd, zit hier op het strand. De equipage is nog aan boord, die waarschijnlijk met laag water gered zal worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden 6 maart. De Noorse bark VESTA, van Rio de Janeiro naar Hamburg, met koffie geladen, met de Engelse sleepboot trachtende hier binnen te komen, strandde beneden de zuidpier op het strand. De reddingboot is uit gegaan, doch omgeslagen. De VESTA zit hoog, het is nu buitengewoon hoog getij, men heeft veel hoop dat de bemanning gered wordt, doch geen doden. Volgens een later bericht is de equipage van de Noorse bark VESTA gered, doch het schip is denkelijk verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, I.F.L. Meijjes & A. Vinke, makelaars,zullen, ten overstaan van de notaris A.D.I.F. Meijjes, op maandag 19 maart eerstkomend, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, in veiling brengen het extra welbezeild, uitmuntend onderhouden Nederlands brikschip JEREMIAS, laatst gevoerd door wijlen kapt. A. Veen, volgens meetbrief lang 33,19 meter, wijd 8,22 meter, hol 4,09 meter, en alzo gemeten op 724,34 kubieke meters of 255,69 tonnen netto, en zulks met al deszelfs toebehoren, als bij gedrukte inventaris omschreven. Het schip ligt dagelijks ter bezichtiging aan de werf Het Witte Kruis, Kleine Kattenburgerstraat, Amsterdam.
Nadere informatiën verlenen bovengenoemde makelaars, zomede de cargadoors Oolgaardt & Bruinier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 1 februari. Sedert 17 januari is in de staat van de baar geen verandering gekomen en staat er 14½ tot 15 palm Braziliaanse maat. Om zeker te kunnen passeren moeten binnenkomende schepen niet dieper gaan dan 10 voet en uitgaande niet dieper dan 9 ¾ voet. In januari passeerden 105 schepen de baar, en in de laatste vier maanden 523 schepen, zonder dat er enig ongeluk gebeurde. De vrachtenmarkt is flauw met veel schepen in de haven en weinig vraag. De JANTINA KORTER werd bevracht voor 42/6 per ton huiden naar Sandy Hook voor order. De MARGARETHA voor gedroogd vlees naar Fernambuck. De GESINA voor 7.500 reis per pijp van Porte Alegre naar het Kanaal voor orders. In de haven liggen 22 onbevrachte schepen.


08 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Dover, 7 maart. Het Nederlandse schip GENIS (?) is hedenmorgen hier, bijna geheel ontredderd, binnengesleept. In de nabijheid van Sandgate kwam het in aanvaring met een schip, waarvan de naam onbekend is. De bemanning is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 19 februari. Ten vorige jare is met averij te Bermuda binnengelopen het Nederlandse barkschip OBI, kapt. A.G. Rijnsaardt, van Batavia naar Boston bestemd. Dit schip is afgekeurd en de 9e dezer aldaar in publieke veiling verkocht. Het zal nu als kolenhulk dienst doen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Een brik, gebouwd van eikenhout, met een laadvermogen van circa 120 standaards hout, 14 voet diepgang, met kajuit en logies voor de equipage op het dek, eerst sedert kort getimmerd en in goede toestand zich bevindende, zal tegen matige prijs van de hand worden gedaan. Nadere inlichtingen verkrijgbaar bij Jacob Meijer, scheepstimmerman te Lübeck.


  AH - Algemeen Handelsblad

IJmuiden, 7 maart. Het bij de Zuidpier gestrande schip VESTA is totaal wrak. Bij laagwater is men druk bezig om de natte koffie te lossen; alle balen zijn gebersten. De bergers zijn druk in de weer. De gekwetsten van de reddingboot zijn beterende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 7 maart. Men is bezig om de lading van de Noorse bark VESTA te bergen. Kapitein Johnsen is overleden. Van de VESTA die bij IJmuiden strandde, is de gehele equipage gered met uitzondering van de kapitein. De eerste reddingboot die uitging om de bemanning van de VESTA te redden, sloeg om, waarbij één der opvarenden werd gewond. De bemanning van de 2e boot slaagde er in om de bemanning van de VESTA te redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 5 januari. De Nederlandse driemast-schoener BANDA is de 27e december 1882 hier met kolen van Timor Koepang aangekomen, alwaar een gedeelte der lading gelost was. Het schip is nu naar Amsterdam bevracht voor NLG 50 per last.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 maart. Het stoomschip MEPPEL I is van hier Zwartsluis aangekomen met verlies van boten en zeilen en met meer andere schade.


09 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 7 maart. Hedennacht is een tjalk gezonken in de Meep; de opvarenden zijn allen verdronken, het lijk is aangebracht van de schipper De Boer van Makkum.


  AH - Algemeen Handelsblad

Terscheling, 8 maart. Op de Zuiderboschplaat zit een schip zonder mast, het volk is vermoedelijk verdronken; nog is aangebracht een kap van een schuit. Het is stormweder.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 8 maart. De Vlissingse loodsschoener No. 3 is met zware averij uit zee hier binnengekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

New York, 28 februari. Vrachten. De vraag naar scheepsruimte blijft zeer gering, en kan men zelfs moeilijk de vrachtprijzen der vorige week bedingen. Voor volle ladingen granen had gedurende deze week geen bevrachting plaats. De vrachten per in lading liggende stoomschepen zijn onveranderd. Petroleumvrachten zijn iets lager, maar schijnen het laagste punt bereikt te hebben. De bevrachtingen bestaan o.a. uit twee schepen van 7.000 en 10.000 v. naar Londen of Liverpool tot 3 sh., verscheping 1 april; twee barken ieder van 4.000 v. naar Groot-Brittannië of het vasteland tot geheime prijs; een schip van 7.000 v, naar Bremen tot 3 sh.; een idem van 7.000 v. naar Antwerpen tot 3,1½. Te Philadelphia werd een schip van 5.000 v. voor volle lading geraffineerde petroleum naar Hamburg tot 3 sh., en een idem voor 17.000 k. naar de Middellandse Zee tot geheime prijs, vermoedelijk tot 20 c., bevracht. De vrachten voor delen van St. John N.-B. zijn onveranderd tot 60 à 62,6 naar directe havens in Groot-Brittannië. Voor tabak werden gedurende deze week geen bevrachtingen bekend. De vrachten voor katoen van de zuidelijke havens zijn kalm en onveranderd. Men noteert per zeilschip van Savannah en Charleston 3/8 p. naar Liverpool of het vasteland, 3/8 – 25/64 p. naar de Oostzee; van New Orleans en Galveston 13/32 p. naar Liverpool of het vasteland, 27/44 p. naar de Oostzee. Naar Brazilië is deze week slechts een bevrachting afgesloten naar Rio Janeiro. Naar de Platerivier noteren wij behalve onze bevrachting naar Montevideo tot 17 c. per kubieke voet een schip van 500 mille hout van hier naar Buenos Aires tot 14 dollar, een schip van 400 mille voet van Brunswick naar Buenos Aires tot USD 18,50 en een dito van 250 mille voet van Pensacola naar Montevideo v.o. tot USD 20,-. Voor langere reizen hebben de volgende bevrachtingen plaats gehad en wel: een schip van 1.191 ton van hier met stukgoed naar Sydney tot 30 sh. per ton, een dito voor 17.000 k, naar Anjer v.o. naar een of twee havens op Java tot 37-38 c. een dito voor 38.000 k. naar Japan tot 36 c. en een dito van 28.000 k. naar Bangkok tot geheime prijs, zoals men zegt tot ca. 40 c. In de afgelopen week zijn de volgende schepen bevracht: WILLIAM 4.000 vaten van hier naar Duinkerken, voor ruwe petroleum 3,9; SARAH M. SMITH 5.000 vaten van hier naar het vasteland, geraffineerde en ruwe petroleum 3,6; BOTVIS 3.500 vaten van hier naar Blaye, ruwe petroleum 3,9 à 10½ p.; HENOCK 15.000 k. van hier naar Alexandrië, geraffineerde petroleum 24 ½ c.; de Nederlandse brik DINA 210 t. van hier naar Montevideo met stukgoed 17 c. per kubieke voet; de idem idem WILLEMINA 250 t. van hier naar Rio Janeiro met stukgoed GBP 500,- in eens af.


  AH - Algemeen Handelsblad

Dover, 7 maart. Het masteloze schip, vroeger gemeld als naar Dover gesleept wordende, is aldaar in de haven gebracht door de sleepboot LADY VITA. Het is de schoener GESINE, kapt. Baumann, met haver van Emden naar Gloucester bestemd. Het ongeluk gebeurde hedenmiddag door aanvaring met een te Greenock te huis behorend schip in ballast, dat bij Folkestone geankerd was. De sleepboot werd voor GBP 120,- aangenomen, zijnde dit het Nederlandse schip in ons vorig ochtendblad door Reuters Office gemeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vierverlaten (bij Groningen), 6 maart. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester J. Mulder alhier met goed gevolg te water gelaten het ijzeren tjalkschip genaamd SCHOUWEN, groot plm. 150 ton, voor rekening van schipper M. Buitkamp, van Schouwerzijl, en de kiel gelegd voor een ijzeren paviljoentjalk voor rekening van schipper G. de Groot, van Lemmer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York. 24 februari. Het stoomschip P. CALAND, van Rotterdam alhier aangekomen, heeft gedurende de reis voortdurend stormwind uit het Westen gehad, somtijds woei het een orkaan met hoge zeeën, de 13e woei het weer een orkaan uit het Westen tot Noordwesten die acht uren aanhield, de barometer daalde tot 27º 9’; na de banken te zijn gepasseerd bedaarde het weer en was de wind variabel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Van het etablissement der Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord is te water gelaten een ijzeren Rijnschip, groot 17.200 centenaars of 860 ton, en dadelijk daarna de kiel gelegd voor een soortgelijk schip van 22.000 centenaars of 1.100 ton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens de H. en N.C. (opm: een krant, waarvan de afkorting ons onbekend is) zijn van de 27 voor de Maasmonding vissende Urker vissersvaartuigen vermoedelijk een tien- of twaalftal verongelukt. Zeker is het reeds dat de volgende schippers met hun equipages omkwamen: Klaas Romkes, Jan de Vries, Teunis de Jongh, Pieter Kramer en nog anderen. Zulk een zware slag trof Urk nimmer, in 1868 verongelukten acht vaartuigen, in oktober 1882 drie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam 8 maart. Volgens een telegrafisch bericht is het schip SOERABAIJA, kapt. Wiebenga, gisteren 7 maart van Probolingo naar Melbourne vertrokken. Schip en equipage waren in de beste staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 24 februari. Kapt. Lucas voerende het stoomschip AMSTERDAM, te New York aangekomen, rapporteert de 18e februari op 45º50’ NB 47º30’ WL een grote ijsberg aangetroffen te hebben, en dezelfde dag op 45º28’ NB 49º08’ WL een massa ijsbergen van verschillende grootte, benevens uitgestrekte ijsvelden. Hij was genoodzaakt een zuidelijker koers te varen om van het ijs vrij te blijven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart. De lading van het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE, van Hull herwaarts, is thans op een kleine partij stafijzer en steenkolen na, geheel gelost. Het schip heeft met de laatste storm ogenschijnlijk weinig geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Volgens een telegram is het schip GROEN VAN PRINSTERER, kapt. Van Duyn, hedenochtend van Limerick te Cardiff aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 23 februari. Bevrachtingen. Het Nederlandse schip DINA, 210 ton, van hier naar Montevideo met stukgoed voor 17 dollarcent per kubieke voet. De WILHELMINA, 250 ton, van hier naar Rio de Janeiro met stukgoed voor NLG 500 in full.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons uit Dokkum:
In de jongstleden maandag en dinsdag gewoed hebbende storm zijn van de vissersvloot te Moddergat vier schuiten met man en muis vergaan; zelfs noemt men de namen van een zevental. Vier zijn tot op heden op de rede teruggekeerd. Van al de overige vijftien schuiten heeft men tot heden niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Volgen een telegrafisch bericht is het schip BATAVIER, kapt. Wiebenga, de 8ste maart van Java te Akyab aangekomen. Schip en equipage waren in de beste staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart, Van de werf De Nachtegaal des heren Jan F. Meursing is heden van stapel gelopen het composite Meursings systeem klipper barkschip TJERIMAÏ, gebouwd voor rekening der heren A. Hendricks & Co.
De afmetingen van de TJERIMAÏ zijn ongeveer als volgt: lang in de kiel 190, wijd 38, hol 24 Amsterdamse voet, terwijl het schip ter grootte is van ongeveer 1.000 reg. ton gemeten.
De TJERIMAÏ is gebouwd volgens het Meursing’s composite-systeem, waarnaar reeds verscheidene schepen zijn gebouwd, onder anderen de BAARN, SMEROE, KERSBERGEN, SLAMAT, MERAPI, enz. Het is een geheel ijzeren schip, en tot de lastlijn voorzien van een houten huid van Amerikaans grenenhout, welke houten huid op de ijzeren is vastgemaakt met hardhouten machinaal gedraaide nagels van bulletriehout, dat een der hardste West-Indische houtsoorten is. Deze bulletrienagels zijn voorzien van een ijzeren ring, welke ijzeren ring met een loden ring is gebust, teneinde het beschadigen van de nagel te voorkomen en tevens het vastzitten en het juist sluiten om de kop van de nagel bevordert. Deze nagels worden van binnen het schip naar buiten geslagen, en van buiten wordt de nagel met een houten keg van hetzelfde harde hout opgesloten. Verder wordt de houten huid op de gewone wijze gekoperd, en deze schepen, behorende onder de voordeligste der vloot, zijn vlugge zeilers bij een groot draagvermogen, terwijl het Meursing’s composite systeem heeft bewezen te zijn van grote sterkte en deugdzaamheid bij een minimum van onderhoudskosten. De TJERIMAÏ verkrijgt de hoogste klasse bij Veritas en de Nederlandse Vereeniging van Assuradeuren.


10 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 6 maart. Bij het stormweder strandde heden namiddag 12½ uur hier het tjalkschip HENDRIKA, groot 90 ton, geladen met steenkolen, schipper K. Braam, van Wildervank, komende van Rotterdam en bestemd naar Veendam. Wegens een bekomen lek heeft het schip de ankers moeten laten slippen en is het alzo hier aangedreven. De opvarenden, bestaande uit de schipper, zijne vrouw en twee kinderen, benevens een knecht, zijn met een sloep behouden hier aangekomen. Het schip ligt op zeer korte afstand van de wal en heeft bij aanhoudenden harden wind veel gevaar uit elkander te worden geslagen. Alles is tegen zeegevaar verzekerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. C. Ament en J.A.P. Bijl, makelaars, presenteren ten overstaan van notaris Mr. W.S.J. van Waterschoot van der Gracht, op dinsdag 27 maart 1883, des namiddags te 3 uur, in het lokaal Frascati in de Nes te Amsterdam te verkopen het extra welgebouwd en welbezeild Nederlandse tjalkschip genaamd FENNECHIENA, gevoerd door schipper J. Olthuis, volgens meetbrief geijkt op 66 tonnen, met de daarbij zijnde inventaris, volgens biljet omschreven. Het genoemd tjalkschip ligt in de Kalkmarkt alhier.
De veilconditiën liggen ter lecture op 24 en 27 maart e.k. ten kantore van bovengenoemde notaris. Nadere informatiën bij gemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 januari. Vrachten. Aan het gebrek aan passende schepen, niet minder echter ook aan de weinige vraag, die heerste, is te wijten, dat slechts weinige afdoeningen tot stand kwamen. Er valt dan ook geen beterschap waar te nemen, al is de onbevrachte vloot ook slechts gering. Naar Nederland blijft grote schaarste aan lading bestaan. Er heeft ditmaal dan ook slechts een enkele transactie plaats gehad en zelfs die ene strekt zich niet verder uit dan tot het aanleggen van een schip op een gedeeltelijke lading. In de noteringen kwam geen verandering. Naar het Kanaal wordt te Samarang ruimte gezocht tot iets betere koersen doch daar West Java nagenoeg van schepen ontbloot is, kon de vraag, hoe matig die anders ook was, niet geheel bevredigd worden. In de Oosthoek spreekt men nog altijd van slechts GBP 1.12/6, maar voor stroopsuiker zou wel wat meer te maken zijn. Naar Amerika is niets afgedaan. Naar Australië kwamen verscheidene afdoeningen tot stand op basis van GBP 1 voor suiker naar Melbourne. Een aanleggend schip accepteerde ook kapok tot Sh.8/- per baal naar Sydney. Naar de Perzische Golf heerst geen vraag en mag die ook voor opening van het nieuwe seizoen niet verwacht worden.
Het Nederlandse schip MARTINA JOHANNA ligt aan tot geheime conditiën naar Nederland; het stoomschip PRINS ALEXANDER NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 110 spices, NLG 40 tin, NLG 80 thee naar Amsterdam en NLG 40 tin, NLG 120 indigo naar Marseille. De UTRECHT NLG 85 koffie, NLG 40 tin naar Rotterdam en Ffrs. 70 suiker naar Marseille. Het schip SOERABAIJA ligt aan GBP 1 voor 350 tons suiker naar Melbourne, rest kapok tot Sh.8/- per baal naar Sydney.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: : AUGUSTE, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, NIEUWE WATERWEG I, SLAMAT, ALCMARIA VICTRIX, en URANIA en de stoomschepen SUMATRA en NOORD-HOLLAND.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 9 maart. Het schip METTA CATHARINA, kapt. Fischer, van St. Ubes naar Gothenburg, alhier als bijlegger binnen, gaat naar Amsterdam om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Heden is de driemast schoener BROEDERTROUW, kapt. De Groot, in de Nieuwe Waterweg ten anker liggend met bestemming naar Leith, aangevaren door het van Libau binnenkomende stoomschip PERITIA. De BROEDERTROUW bekwam enige averij aan de tuigage.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het grootste gedeelte van de vissersvloot van Moddergat is bij de jongste storm verongelukt. Tot gisteren waren er van de 22 schepen slechts 5 teruggekomen. De binnengekomen schippers vermoeden dat de overige 17 met man en muis zijn vergaan. Een schip zit op het Amelanderstrand, een ander ligt omgeslagen op de Engelsmanplaat; in de kajuit hiervan is het lichaam van een 13-jarige jongen gevonden. Wordt het vermoeden van de binnengekomen schippers bevestigd, dan hebben 84 vissers, waaronder pl.m. 50 hoofden van gezinnen, hun dood in de golven gevonden.


11 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 10 maart. Het stoomschip SOENDA (vroeger CELEBES) vertrok hedenmorgen 10 uur naar Batavia. De vaart door het IJ en het Kanaal was voorspoedig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 10 maart. Volgens een alhier ontvangen telegram van Batavia, was het fregatschip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, op de 8ste dezer van daar vertrokken met bestemming naar het Kanaal voor orders.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 9 maart. De lossing der lading koffie uit de gestrande bark VESTA is tegen een bergloon van 27 % aanbesteed; ijverig is men bezig met bergen, de lossing kan echter uit de aard der zaak niet spoedig gaan, dewijl de koffiebonen door het indringende zeewater dermate zijn gezwollen, dat het gehele ruim overvuld is, zodat de dekbalken en dekdelen naar boven zijn gezet en de zakken ook bijna allen zijn gebarsten; overigens is het schip wat de vorm betreft, nog in het geheel, ook de tuigage; door de NO-elijke wind is het water ver weg, zodat men thans rondom het wrak kan lopen bij laag water. Indien het wrak daar niet stond als droevig getuige van hetgeen geschiedde, zou men het niet mogelijk wanen dat op die plek voor enige dagen doodsgevaar heerste, toen het zeewater in donderende golven tot aan de voet der duinen kookte. Men kan gemakkelijk het wrak beklimmen en het is verbazend, te zien welke enorme vernielingskracht de zee bezit; een bezoek, uit dit oogpunt bij fraai weder, is het wrak ten volle waard.


12 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 12 maart. Volgens telegram uit Londen alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip DOLPHIJN, kapt. Matroos, van Nieuwediep naar St. Davids, met averij en verlies van ankers te Vlissingen binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 12 maart. Volgens telegram uit Londen, alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip GEBROEDERS JANZEN, kapt. Pedersen, van Christiania naar Londen, met verlies van ankers te Dover binnengebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een Nederlands gekoperd en kopervast barkschip, uitmuntend houtschip, staat geheel ledig en zeilt met grote deklast zonder enige ballast; laadt plm. 180 standers delen of circa 160 tult balken. Geklasseerd A. 1. Red. Het schip ligt te Amsterdam en is te bevragen bij de makelaar P.H. Craandijk aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 9 maart. Het driemast schoenerschip BROEDERSCHAP, kapt. J. de Groot, in het kanaal geankerd met bestemming naar Leith, is aangevaren door het uitgaande stoomschip PERITIA en enige averij aan de tuigage toegebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Yarmouth, 8 maart. Het Nederlandse vissersvaartuig MAASVINDING, gemerkt MA. 57, is in ontredderden staat hier binnengesleept door de smak QUEEN OF THE FLEET. De zeilen waren weg, alles van dek geslagen, de gaffel gebroken en meer andere schade. Van de equipage was niets bekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het barkschip CORNELIS SMIT, gebouwd in 1865, groot 654 ton nieuwe meting, met zeer volledige inventartis. Het schip heeft ijzeren masten en onder-ra’s, ijzeren zaadhout, kimmen en onder en bovendekbalken met schrankplaat, goed werkende stoomlier voor lossen en laden, ankerlichten en lenspompen.
Te bezien Binnenhaven Fijenoord te Rotterdam en te bevragen bij de reder Murk Lels te Alblasserdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 10 maart. Volgens een particulier bericht is het schip OCEAAN, kapt. Post, de 9de dezer van hier te Lissabon, en het schip ARCHIPEL, kapt. Post, de 9de dezer van hier te Gibraltar aangekomen.
(opm: in de krant staat inderdaad, dat beide schepen door een kapt. Post werden gevoerd)


13 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 10 maart. Volgens ontvangen telegram is te Yarmouth masteloos en zonder roer binnengesleept het hier tehuis behorende visloggerschip MAASVINDING, schipper A. Voois, van de opvarenden moeten 5 man zijn verdronken en zouden 7 man gered zijn en te Hull aangebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 10 maart. Heden is hier een wrak aangebracht, waarop ZOUTKAMP 16, en een stuk voorplecht van een vissersvaartuig, gemerkt ZK 16.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 10 maart. Door het loggerschip GETROUWHEID zijn woensdag l.l. in de Noordzee op 56º40' NB gered en heden hier geland 10 man, waaronder 6 passagiers, van het gezonken Engelsche stoomschip NAVARRE van Christiana naar Leith.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 9 maart. Volgens een te Makkum, gemeente Wonseradeel, ontvangen bericht, is in de nacht van maandag op dinsdag nabij Terschelling gezonken een te Makkum te huis behorend schip, in dienst van de Friesche Stoomschelpvisscherij. Het lijk van den schipper O. de Boer, die een weduwe met drie kinderen nalaat, is dinsdagmorgen vastgebonden in de mast gevonden. De knecht heeft de dood in de golven gevonden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 9 maart. Hier zijn enige scheepsluiken, roer en verdere scheepsinventaris, waaronder nog een naambord, gemerkt ALIDA, aan strand gespoeld. Een en ander is vermoedelijk afkomstig van een j.l. dinsdag ter hoogte van Gaast in de Zuiderzee gestrande Groninger tjalkschip van dien naam, op het wrak waarvan door een paar Makkumer schippers is gevonden het lijk van een man, naar gissing 30 à 40 jaar oud, hetwelk met enige zeilen en tuigage te Makkum is aangebracht. Volgens de schipper was de tjalk met gerst geladen en bevonden zich zeer waarschijnlijk meerdere lijken in de achterkajuit, waaronder van kinderen, aangezien kinderklompen op het wrak werden gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Voorlopige aankondiging. Op donderdag 22 maart eerstkomend zal te IJmuiden publiek verkocht worden het aldaar gestrande Noorse barkschip VESTA, met deszelfs inventaris en de zich eventueel nog aan boord bevindende koffie.
Nadere informatiën zijn te bekomen bij de cargadoors Vinke & Co., te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 12 maart. Het Nederlandse schip GEBR. JANZEN, kapt. Petersen, van Christiania herwaarts, is met verlies van ankers te Dover binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op vrijdag 16 dezer, van de inventaris en het wrak van het Engelse schroefstoomschip EDDYSTONE, 291 register ton netto met machines van 100 paardenkrachten, gebouwd in het jaar 1869, thans liggende gestrand aan de Dijk te Putten, benevens van enige zich nog aan boord bevindende lading. Zij ligt tegen de wal in een gunstige positie, om de machines, ketels, ankers, kettingen enz. te bergen.
De verkoop zal plaats hebben op de strandingplaats, op de 16e dezer, des namiddags ten 4 uur.
Voor verdere informatiën gelieve men zich te vervoege bij Gemming & Penning, Geldersche Kade 32, Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het Nederlandse stoomschip, hedennacht bij Noord-Voorland gestrand en gezonken, en waarvan een Reuter-telegram in ons eerste blad melding maakte, is de ARY SCHEFFER, kapt. Timmermans, van Hâvre naar Rotterdam. Negen man van de equipage zijn met een Engelse stoomboot te Dover aangebracht. De kapitein, de eerste machinist, de hofmeester en twee matrozen zijn bij de stranding om het leven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens een Reuter-telegram uit Londen is een Nederlands stoomschip in de ochtend van de 12e maart bij Zuid-Voorland gezonken. De kapitein, de 1e machinist, de purser en een matroos zijn omgekomen. Tien man, zijnde de overige equipage, zijn gered en te Dover geland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Het schip BROEDERTROUW is heden van buiten de Nieuwe Waterweg teruggekeerd en naar Delfshaven vertrokken om te repareren.
(opm: zie NRC 100383)


14 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 maart. Het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE, van Hull herwaarts, is wrak geworden en zal vermoedelijk publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 maart. Volgens een heden bij de rederij ontvangen bericht lag het schip NICOLAAS, kapt. Burghout, van Harlingen naar Grangemouth, bij Dover ten anker. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Villa Real, 4 maart. De Nederlandse schoener VERTROUWEN, kapt. De Vries, van Zumaya naar Huelva met cement, geraakt de 2e hier op de kust aan de grond. Na een deel der lading in lichters gelost te hebben, kwam het vlot en liep naar binnen. Het schip zal morgen onderzocht worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

In de avondbladen van 24 en 26 februari jl. komt een stuk voor van uw Indische medewerker, waarin hij zich bitter beklaagt over de Nederlandsch Indische Stoomvaart-Maatschappij.
Uw redactie, wier doel wel geen ander kan zijn, dan het publiek voor te lichten, zal mij zeker wel een plaatsje willen gunnen voor mijn betoog, dat de klachten tegen die Maatschappij gericht, ongegrond en onbillijk zijn.
De eerste grief tegen de Maatschappij is deze: dat het kapitaal grotendeels is in handen van Engelse deelhebbers. Gesteld het feit is juist, wat betekent dat dan nog?
Bij de oprichting der Maatschappij, althans niet lang daarna, waren een groot aantal aandelen in Nederland en op Java geplaatst. Langzamerhand hebben de Engelsen die tegen hoge koers - het vorige jaar nog tegen 185 % - opgekocht, omdat zij daarin zagen een voordelige geldbelegging. Kon de Maatschappij dat beletten? Mag haar daarvan een grief gemaakt worden? Indien Engelsen aandelen van de Maatschappij Nederland gingen opkopen voor prijzen, die de Nederlandse houders tot verkoop uitlokten, zou men dan daarvan een grief kunnen maken aan die Maatschappij?
Een tweede grief is, dat haar schepen gebouwd worden in Engeland. Laat ook de Maatschappij Nederland en de Rotterdamsche Lloyd haar schepen niet in Engeland bouwen? En waarom doen zijn dat? Alleen omdat men daar beter en goedkoper bouwt. Zelfs de Nederlandse regering heeft in Engeland schepen voor haar marine laten bouwen, evenals Rusland en Duitsland dat gedaan hebben.
De Maatschappij heeft echter getracht om ook schepen in Nederland te laten bouwen, b.v. de MINISTER VAN STAAT ROCHUSSEN en de W. CORES DE VRIES. In het gebruik zijn deze echter zo bitter tegengevallen dat men niet tot een nieuwe bestelling in Nederland durfde overgaan; zij konden de vergelijking niet doorstaan met de in Engeland gebouwde.
Uw medewerker onthoudt zich dan ook terecht om aanmerkingen te maken op de schepen der Maatschappij. Bij de bouw daarvan zijn de nieuwste uitvindingen toegepast en aan comfort laten zij niets te wensen over.
Een volgende grief is gericht tegen de subsidie, die het gouvernement aan de Maatschappij uitbetaalt. De Maatschappij heeft voor de laagste subsidie ingeschreven, al de mededingers eisten een hogere. Hoe men nu tegen de Maatschappij daarvan een grief kan maken, vat ik niet. De vaart langs de kustplaatsen op Java werpt ongetwijfeld grote voordelen af en zonder subsidie zou de dienst langs deze kustplaatsen dan ook wel kunnen worden volgehouden. Daartegenover staat, dat onderscheidene lijnen, die door het gouvernement zijn voorgeschreven, groot verlies opleveren.
Het zou nog zeer de vraag zijn, zo het gouvernement de raad volgde van uw medewerker, om alleen de verlies opleverende lijnen uit te besteden, of dit voordeliger zou uitkomen.
De grief tegen het hoge tarief is al even ongegrond. Wie heeft toch dat tarief vastgesteld, althans voor zoveel het vervoer van Gouvernementspassagiers en goederen betreft? Wie anders dan het Gouvernement zelf, toen het dat vervoer uitbesteedde? Had het Gouvernement een lager tarief vastgesteld, dan zou men natuurlijk voor een hogere subsidie hebben ingeschreven.
Maar is dat tarief werkelijk zo hoog? Een vergelijking met schepen, in Europa varende, gaat natuurlijk niet op. Uw medewerker schijnt weinig begrip te hebben van de onkosten, verbonden aan zulk een onderneming als de Maatschappij op zich heeft genomen, in zó ver van Europa verwijderde streken. Al wat haar schepen nodig hebben, moet immers uit Europa worden aangebracht, terwijl bovendien alles in Indië duurder is, bijv. de gages aan de gezagvoerders, stuurlieden, machinisten enz. te betalen.
Uw medewerker maakt er zelfs aan de Maatschappij een grief van, dat zij Engelsen als machinisten in haar dienst heeft. Welnu, laat hij eens beproeven, hoeveel Nederlanders hij voor die dienst kan engageren. Hij weet zeker niet, dat de Maatschappij dat reeds meermalen beproefd heeft; maar dat artikel is schaars. Men kan eenvoudig niet genoeg Nederlandse machinisten vinden voor 30 stoomschepen in Indië. Toch herhaalt de Maatschappij nog haar pogingen om Nederlanders als machinisten te engageren en is zij er in geslaagd om althans enigen aan haar dienst te verbinden.
Het kost nog ongelofelijk veel moeite, om zelfs de nodige Nederlandse stuurlieden te vinden. Ook de Maatschappij Nederland ondervindt daarin veel moeilijkheden en roept herhaaldelijk bij advertenties stuurlieden op.
Eindelijk beklaagt zich uw medewerker over onzindelijkheid en verwaarloosde toestand der schepen. Hoe dat mogelijk is, is mij een raadsel. Ik, die zo menige reis met de schepen heb gemaakt, heb juist opgemerkt, dat er altijd gepoetst en schoongemaakt werd en alles in uiterst zindelijke toestand werd gehouden. Het is juist, omdat die schepen zo net en zindelijk worden onderhouden, dat zij zo lang kunnen varen.
Maar bovendien is het in de gehele wereld bekend, dat de schepen, onder Nederlandse vlag varende, gecommandeerd door Nederlandse kapitein en stuurlieden bij uitnemendheid zindelijk zijn, en dat er eerder te veel gepoetst en schoon wordt gemaakt. Uw medewerker heeft wellicht een ongelukkig moment getroffen, toen hij zijn oordeel vormde; hij zal op een stomer gekomen zijn, toen deze, na eerst gelost te hebben, kolen en nieuwe lading innam. Bij zulke gelegenheden ziet geen enkel schip er netjes uit.
Evenals uw medewerker zou ook ik liever zien, dat de aandeelhebbers merendeels uit Nederlanders bestonden, maar of wij klagen of niet, het helpt niet. De Nederlanders steken nu eenmaal liever hun kapitalen in vreemde staatspapieren en in Amerikaanse spoorwegen, dan in ondernemingen in Indië.
Maar in afwachting, dat de Nederlanders in dit opzicht veranderen laat ons blijde zijn, dat
Engelsen nog genoeg ondernemingszucht hebben om hun kapitalen ook in Indische zaken te wagen en laat ons hen dan niet benijden, als zij daarbij wel varen.
Laat uw medewerker zich eens afvragen, hoe het transport een 20 jaar geleden in Indië was, en welke kolossale verbeteringen ook daarin zijn gebracht sedert de Nederlandsch-Indische Stoomvaartmaatschappij is opgetreden. Deze Maatschappij heeft toch op dit ogenblik niet minder dan 30 schepen in de vaart, die de Indische archipel in alle richtingen doorkruisen; schepen die in alle opzichten voldoen en de vergelijking met die van andere Maatschappijen best kunnen doorstaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 13 maart. Het schip MOHONGO is heden, gesleept door de sleepboot ZEELAND, van hier naar Rotterdam vertrokken.
(opm: zie NRC 060283)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 13 maart. Heden werd van de werf der firma Wed. C. Boele & Zonen alhier met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip FORTUNA, groot 320 last, gebouwd voor rekening van de heer Wilhelm Horber te Neckargemünd-Baden bij Heidelberg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 februari. Vrachten zijn zeer stil en heeft men slechts de afsluiting van één Nederlands schip tot stand kunnen brengen, de ALCMARIA VICTRIX, in de Oosthoek arak tot NLG 95 per last en ligt verder in lading naar Amsterdam.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: AUGUSTE, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, NIEUWE WATERWEG I, SLAMAT en URANIA


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 12 maart. Door het stoomschip STANLEY werd geland 10 man van de equipage van het Nederlandse stoomschip ARY SCHEFFER, kapt. Timmermans, de 8e dezer van Le Havre naar Rotterdam vertrokken, welk schip heden des ochtends om 4 uur lek sprong, en een uur daarna, peilende Noord Voorland Westelijk ten Zuiden op 25 Engelse mijlen afstand zonk. De gezagvoerder, eerste machinist, hofmeester en een matroos zijn verdronken.


15 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 maart. De geredde equipage van het verongelukte stoomschip ARY SCHEFFER is hier aangekomen. Volgens een rapport heeft kapt. Timmerman het gezonken stoomschip niet willen verlaten, en is één van diegenen die zich reeds in de boot begeven hadden weer op het stoomschip overgegaan, en daarmede verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram, is het Nederlandse schip SINDORO, kapt. Helle, van Cardiff naar Macassar, voor 13 maart Banjoewangi gepasseerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven 14 maart. Volgens een rapport van kapt. Bonjer, voerende het schip P. CALAND, van New York alhier aangekomen, stoomde hij vanaf de Noordhinder tot aan het Brouwershavensche Gat door veel wrakhout.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 13 maart. Volgens particulier telegram, bij de rederij ontvangen, is het schip NICOLAAS, kapt. Burghout, van hier naar Grangemouth bestemd, na zware noordelijke stormen te hebben doorstaan, bij Dover geankerd. Alles wel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 14 maart. Volgens bij de Koninklijke Nederlandsche Stoombootmaatschappij ontvangen telegram uit Stettin van heden, is het stoomschip HECLA aldaar van Amsterdam aangekomen. Er heerste aldaar tien graden koude, waardoor de scheepvaart zeer werd bemoeilijkt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 maart. Volgens alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen telegram uit Londen, is het schip CORNELIA GEERTRUIDA, kapt. Wielema, van Suriname naar Amsterdam, lek te Martinique binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 13 maart. Het stoomschip ASTREA, kapt. G. Henze, van de Middellandsche Zee hier binnen, heeft veel stormweder doorgestaan en af en toe de kajuit half vol water gehad, doch leed voor het overige weinig schade.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hansweert, 10 maart. Heden namiddag werd hier door de Belgische sleepboot HERCULES met verlies van zeilen binnengebracht het schip ZIERIKZEE, schipper Th. v.d. Horst, met keien van Brussel naar Dordrecht en Gorinchem. De ZIERIKZEE zal hoogstwaarschijnlijk de reis per sleepboot voortzetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Villa Real, 4 maart. Het Groninger schoenerschip VERTROUWEN, kapt. J.L. de Vries, met cement van Zumaya naar Huelva bestemd, is in den nacht van van den 2den dezer op de banken aan de kust alhier gestrand. Een gedeelte der lading is gelost. Het schip kwam gepasseerden nacht vlot en hedenmorgen hier binnen; het zal morgen worden nagezien.


16 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 15 maart. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten de ijzeren lichter EVERARDA, gebouwd voor rekening van de heer H.J. Meijer te Rotterdam, groot plm. 100 last, en daarna de kiel gelegd voor een ijzeren lichter (opm: CLAZINA), groot 30 last, voor schipper A. de Ruijter te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 maart. Het Nederlandse schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema van Suriname naar Amsterdam, is lek te Martinique binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De gehouden proeftocht met het raderstoomschip 1e klasse VALK op de rede van Texel heeft uitstekend voldaan; het schip liep een 11½ mijl. Genoemd schip is weder naar de werf gestoomd om verder gereed gemaakt te worden teneinde 24 dezer in dienst te komen, en daarna naar Vlissingen te stevenen tot overbrenging van Z.M. de Koning en H.M. de Koningin naar de hoofdstad van Engeland.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Tweede veiling goederen EDDYSTONE. Gebr. Van der Vies, makelaars, zullen op dinsdag 20 maart 1883, des morgens te tien uren, in De Brakke Grond, in de Nes te Amsterdam, verkopen een partij wollen en katoenen manufacturen, breikatoen, wollen garens, tapijtgarens en gesterkte katoenen kettingen, alles door zeewater beschadigd. Afkomstig uit het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE. De goederen worden verkocht in consumptie, en liggen in het Westelijk Entrepot, buiten de Willemspoort, alwaar ze op maandag 19 maart ter bezichtiging zullen zijn. Op de dag der veiling kan geen bezichtiging toegestaan worden.
De notitie zal eerst maandagavond bekomen kunnen worden bij de Gebr. Van der Vies en aan de ligplaats der goederen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 14 maart. Volgens particulier bericht uit Alexandrië, is daar de 1e dezer in goede welstand aangekomen het te Sappemeer tehuis behorend schoenerschip ARGO, kapt. F. Leuning, komende van Antwerpen. Het schip vertrok de 5e januari j.l. en heeft derhalve de reis in 54 dagen volbracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 14 maart. Hedenavond is publiek geveild het kofschip ANNA AUGUSTA, gebouwd in 1841, groot 199 ton en laatst bevaren door kapt. Kuiper. Kopers worden de heren J. & S. Wiarda, alhier, voor NLG 3.205.


17 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 maart. Van de deklast van het stoomschip NORFOLK van Savannah, bestaande uit ongeveer 400 balen katoen, zijn er circa 137 door vuur en water beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 maart. Het schip EMMA EN AGNES, kapt. Timmermans, 4 januari van Liverpool met steenkolen naar Love en de STRAITS OF DOVER, kapt. Campbell, 3 januari naar Norfolk, Virginia vertrokken, heeft men sedertdien niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan de Lek, 16 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het barkschip MARTINA JOHANNA, kapt. Walberg, de 12e maart van Java naar Amsterdam vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle a/d IJssel, 16 maart. Heden werd van de werf van A. Vuyk te water gelaten het ijzeren sleepschip MARIA HILF I, groot circa 260 last, gebouwd voor en bevaren zullende worden door F.J. Thiebes, van Beuel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blijkens een bij het departement van marine ontvangen telegram heeft Zr.Ms. schroefstoomschip TROMP, onder bevel van de kapt.t.zee H.D. Guyot, de 15e dezer Bavavia verlaten, koers stellende naar Nederland.


18 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Het wrak, de inventaris en nog een weinig inhebbende lading van het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE hebben in veiling NLG 559 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Villa Real, 9 maart. Het schoenerschip VERTROUWEN, kapt. De Vries, hetwelk na aan de grond gezeten te hebben, hier binnen liep, in onderzocht en zeewaardig verklaard. Het is gisteren van hier naar de bestemming Huelva vertrokken.


19 maart 1883


  JB - Javabode

Batavia, 19 maart. Het dividend van het Bataviaasch Praauwenveer over 1882 is vastgesteld op 22 % of NLG 154 per aandeel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 16 maart. Het schip PALESTINA, van Newcastle naar Bangkok, is in Straat Banka verbrand. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Van de lading koffie van het te IJmuiden gestrande Noorse barkschip VESTA is ruim ¾ geborgen en met lichters naar hier gebracht. Het schip, waarvan gepasseerde vrijdag de grote mast overboord is gevallen, kan als wrak beschouwd worden en zal donderdag 22 dezer met de inventaris en de zich eventueel nog aan boord bevindende koffie te IJmuiden publiek geveild worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 17 maart. Het stoomschip ZAANDAM is hedenavond bij het uitgaan tegen de sluismuur gevaren en bekwam averij, is teruggehaald om de gemaakte schade te herstellen, en zal vermoedelijk morgen kunnen vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 15 maart. Het bij deze plaats gestrande tjalkschip HENDRIKA, schipper K. Braam, tehuis behorende te Wildervank, is met steenkolen van Rotterdam naar Veendam bestemd. Men hoopt de lading grotendeels te redden; het schip zal waarschijnlijk weg zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wolgast, 14 maart. De tjalk MARIA, kapt. Gerdelman, van Kiel naar Elbing met staafijzer, zit bij Peenemünde met 4 voet water in het ijs vast. Van de lading is ongeveer 4 last verwijderd.


20 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam op 14 maart: het brikschip JEREMIAS is voor NLG 5.150 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 februari. Vrachten. Sedert het bericht van de 31e januari viel geleidelijk een vastere stemming waar te nemen, die ten slotte ten gevolge heeft gehad, dat althans in een richting een avans op de laatst bestede koersen bedongen werd. Het aantal afdoeningen is weliswaar ook dit maal weder zeer beperkt, doch, terwijl men dit in het vorig bericht moest toeschrijven gedeeltelijk aan gebrek aan passende vaartuigen, gedeeltelijk aan weinige vraag, behoeft men thans nog alleen gewag te maken van het eerste beletsel, daar het tweede opgehouden heeft te bestaan. Men bedoelt daarmede niet, dat links en rechts schepen gevraagd worden – het jaargetijde sluit dit uit – maar de vraag is toch voldoende om bij de afwezigheid van handige schepen, grotere vaartuigen volle koersen te doen bedingen en de hoop te wettigen op verdere beterschap. Het aantal arrivementen was zeer gering. Naar Nederland kwam de Factorij aan de markt voor koffie te Bantam, te Pangool en te Banjoewangie en slaagde in de opname van een juist passend schip tot de zeer matige koersen van NLG 30 voor de Noordkust en NLG 40 voor de Zuidkust. Bij deze afdoening valt in het oog, dat niet partij getrokken is van het feit, dat het bewuste schip het enige was, dat wat grootte betreft kon conveniëren en tevens dat de laatste Factorij-bevrachting van de Noordkust op de basis van NLG 35 voor koffie was. Voor de Zuidkust, waar bij het minste wolkje de afscheep wordt gestaakt, is in dit jaargetijde een koers van NLG 40 daarenboven lang niet voldoende, al is hij NLG 10 hoger dan op de Noordkust wordt besteed, want behalve met gevaar moet ook rekening gehouden worden met de langzame expeditie, die natuurlijk in deze maanden nog meer tijd kost, dan in de Oost-Moesson. Voor arak werd opnieuw een klein schip opgenomen tot NLG 92,50 en NLG 95 van de Oostkust naar Amsterdam. Naar het Kanaal werd afgedaan tot GBP 1.15/-, daarna echter weder tot GBP 1/12/6, alles voor droge suiker. De onderhandelingen, die thans gevoerd worden, hebben intussen GBP 1.17/6 voor natte suiker, ingenomen gewicht, tot basis. Naar Amerika wordt een schip van matige grootte gezocht voor koffie en licht goed van Batavia en Padang naar New-York. Naar Australië heerst vraag voor suiker naar Melbourne; meer dan GBP 1./- was intussen niet te bedingen en ook nu wordt niet hoger geboden.
De afdoeningen voor Nederlandse schepen waren: SLAMAT NLG 30 koffie van Bantam en NLG 40 van Pangool en Banjoewangie naar Amsterdam, stoomschepen SUMATRA en VOORWAARTS elk NLG 90 voor koffie, NLG 100 huiden, NLG 110 specerijen, NLG 80 thee, en stoomschip NOORD-HOLLAND NLG 85 koffie, NLG 100 huiden, NLG 90 peper, alle naar Marseille en Nederland.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: AUGUSTE, JOHANNA EN MARGARETHA, NOACH IV, JOHANNA, PRESIDENT TRAKRANEN, NIEUWE WATERWEG I en URANIA, en stoomschip PRINS HENDRIK.


  AH - Algemeen Handelsblad

IJmuiden, 18 maart. Gisteren, toen de ZAANDAM van Amsterdam hier aankwam, werd het schip verhinderd te vertrekken door spuien; daarom schutte het stoomschip gisteravond 22.30 u. Bij het invaren van de sluis bekwam het schip echter zodanige schade, dat het niet verantwoord geacht werd, de reis te vervolgen. De ZAANDAM ligt thans weder binnen de haven, waar de schade eerst zal worden hersteld. De reis kan door dit geval wel een paar dagen vertraagd worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkochte schepen in het Lokaal Frascati, op maandag 19 maart 1883, het Nederlands brikschip JEREMIAS, groot 255,69 tonnen, met rondhout, staand en lopend want, boten, inventaris, enz. NLG 4.450, in slag NLG 700. Koper C. Ament.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Villa Real, 9 maart. Het Groninger schoenerschip VERTROUWEN, kapt. J.L. de Vries, van Zumaya naar Huelva, na aan de grond te hebben gezeten hier binnen, is nagezien, behoefde niet te lossen, heeft gisteren de reis voortgezet en is de 11e te Huelva aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 19 maart. Volgens hier ontvangen telegrafisch bericht arriveerde gisteren te Sunderland het schip HENDRIKA ROLINA, kapt. J. Medok, van hier uitgegaan. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 maart. Kapt. Hoedemaker, voerende het op 18 dezer te IJmuiden binnengekomen schip SMEROE, rapporteert het volgende:
De 20e januari bij de Wester Eilanden (opm: Azoren) ontmoetten wij het Engelse stoomschip GARDENIA, kapt. Robinson, van North Shields bestemd naar New-York, seinende om assistentie.
Dit schip had bij de New-Foundlandsche banken schade gekregen aan de schroef of schroefas, waardoor de machine niet meer kon werken, en nu het schip niet anders dan voor de wind te regeren was. Daarenboven waren de zeilen meest weggewaaid en de tenten reeds tot zeilen versneden. De SMEROE bleef zes uren bijgedraaid liggen op verzoek van kapt. Robinson, terwijl deze inmiddels tevergeefs trachtte de schroef met een eind ontkoppelende schroefas te verwijderen, ten einde aan zijn schip beter zeilvermogen te geven, om dan te trachten Fayal te bereiken.
Kapt. Hoedemaker voorzag het onhandelbare stoomschip van enige provisie en vervolgde toen de reis tot 27 februari, toen hij voor het Engelse Kanaal genaderd zijnde, overvallen werd door noordoosten winden met stormweder, vergezeld van hevige sneeuwbuien, waartegen hij tot 14 maart opwerkte en hij met afwisselende wind door het Engelse Kanaal en Noordzee zijn bestemming bereikte.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 10 februari. Het Nederlandse schip THORBECKE III, na enige dagen tevergeefs op gelegenheid gewacht te hebben, is de 10de dezer van hier vertrokken, en stootte in de nabijheid van Poeloe Dapoer op een onbekend rif of een eertijds gezonken schip en sprong lek. Ter rede teruggekeerd werd bij peiling van de pompen geconstateerd dat het 32 duim water maakte. Het schip werd de volgende ochtend, nadat gebleken was, dat het water, niettegenstaande dat uit alle macht gepompt werd, bleef wassen, naar Tandjong Priok gesleept, waar op order van de experts dadelijk met lossen begonnen werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 16 maart. De Nederlandse schoener HELENA FLORENTINA, van Nickerie naar Amsterdam bestemd, die op 17 februari op 44º21’ NB 23º30’ WL door de equipage werd verlaten, nadat de gezagvoerder en stuurman overboord werden geslagen, werd de 1e maart aangetroffen op 46º20’ NB 21º07’ WL door de Noorse bark ASKOY.


21 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 17 februari. Hoewel de zee op de baar zeer onstuimig was, zijn 39 schepen hier binnen gekomen. De vrachten zijn door de grote menigte schepen zeer flauw. De AASTROOM werd voor Sh.40 per ton gezouten huiden bevracht. De REPRISE, MARIA, NICOLAAS FRANS en PAX, werden voor Sh.28 en Sh.27/6 per ton beenas bevracht, allen naar het Kanaal voor order.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 20 maart. Volgens een telegram van de 18e dezer is bij Dungeness gepraaid het Nederlandse barkschip ZEENYMPH, kapt. Groen, van Macassar naar Amsterdam bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens een ontvangen telegram is Zr.Ms. schroefstoomschip LEEUWARDEN onder bevel van kapitein ter zee C.F.T. van Woelderen, laatst komende van Batavia, in de namiddag van 19 dezer te Simonstad (Kaap de Goede Hoop) aangekomen. Aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 februari. Het stoomschip ATJEH is aan de Noordzijde van Billiton op een rif gestoten en heeft schade geleden en twee platen gebroken aan bakboordzijde. Te Onrust heeft men voorlopig twee platen aangeschroefd om het stoomschip in staat te stellen naar Singapore te vertrekken en om te repareren. De lading werd niet beschadigd en waren de pompen voldoende in staat om het schip lens te houden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 10 februari. Het Nederlandse schip JOHANNA MARIA, 18 januari van hier naar Passaroeang en Panaroekan vertrokken, kwam bij Bezoekie te dicht bij de kust, waarom de gezagvoerder ten anker kwam. Uit deze gevaarlijke positie werd het schip door de Nederlands-Indische stoomboot SUMBAWA verlost, die het veilig naar Panaroekan heeft gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 februari. Het stoomschip WILLIAM MACKINNON, van Atjeh herwaarts bestemd, heeft te Benkoelen op een rif gestoten en heeft schade geleden, doch heeft weinig water gemaakt. Het is naar Singapore vertrokken om te repareren, waar het de 16e arriveerde.


22 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip NICOLAAS, kapt. Burghout, van hier te Grangemouth gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Volgens een particulier telegram van Batavia van 21 maart is het Nederlandse schip NOACH III, kapt. Kruyt, behouden van hier op Java aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rechtszaken. De Drentsche Stoombootmaatschappij besteedde in het jaar 1879 bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier het bouwen aan van twee stoomboten en wel voor de prijs van NLG 72.000,-. De boten leden weldra veel averij en in ’t bijzonder een harer die gezonken is, naar beweren der Stoombootmaatschappij door schuld van de machinist. Boven water gehaald, is zij bij de Koninklijke Fabriek weder gerepareerd en heeft deze een aanzienlijke kostenrekening daarvoor ingediend. De Maatschappij weigerde echter de betaling, op grond dat al die kosten waren veroorzaakt door het onvoldoend materieel, waaruit de Koninklijke Fabriek de boten had gebouwd en speciaal ook op grond der clausule van het bestek, welke de aannemer de bevoegdheid gaf om de machinist te benoemen, die gedurende de proeftijd de boot behandelen zou, terwijl zij dan ook elke opdracht om voor geld te repareren, stelling ontkende. De Koninklijke Fabriek beweerde hier tegenover dat, waar omtrent de prijs geen conventie is gesloten, echter degene, die werkzaamheden of leverantiën opdraagt, tot betaling is verplicht, omdat bestelling die verplichting stilzwijgend in zich sluit, terwijl voorts tussen partijen vaststond dat, mocht al de fabriek het recht hebben gehad om een machinist te benoemen, zij nu eenmaal van dat recht geen gebruik had gemaakt en zij alleen had goedgevonden de benoeming van een machinist, die de stoombootmaatschappij zelve en voor zich zelve had gedaan. De tweede kamer der arrondissementsrechtbank alhier heeft alsnu in de daarop gevolgde procedure beslist, eensdeels dat gehoudenheid om te betalen voor hem, die enige werkzaamheid op levering opdraagt, niet enkel voortspruit uit een uitdrukkelijke conventie, omtrent die gehoudenheid, maar reeds uit de enkele opdracht daartoe. Anderdeels verklaart de rechtbank met de gedaagde maatschappij dat een aanbesteder, welke vrijwillig nalaat gebruik te maken van zijn bevoegdheid om een machinist te benoemen, die gedurende de onderhoudstermijn de boot behandelen zal, aansprakelijk is voor de schuld van hen, die de stoombootmaatschappij heeft aangesteld, indien slechts uit de omstandigheden voortvloeit dat zij die benoeming goed gevonden heeft.
Het vonnis draagt alzo der gedaagde maatschappij het bewijs op, dat de stoomboot werkelijk door de schuld van haar machinist gezonken is.
Voor de Koninklijke fabriek is gepleit door mr. Aug. Philips, voor de Drentsche maatschappij door mr. K. Hazelhoff, beide advocaten alhier.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfzijl, 21 maart. Volgens alhier ontvangen telegram is het schip HILLECHIENA, kapt. Gransbergen, 16 dezer van hier naar Christiansund vertrokken, met enige schade te Burnt-eiland binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 20 maart. De loodskotter TEXEL No. 5 is bij Dungeness aangevaren door het stoomschip EDGAR en zwaar beschadigd Dover binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio Grande, 17 februari. Scheepsvrachten. Niettegenstaande er veel zee op de baar stond, zijn nog 39 schepen hier binnengekomen. De vrachtenmarkt verkeert echter in flauwe stemming; daar er hier veel schepen liggen en de voor export bestemde voorraad niet groot is. Gecharterd werden o.a. naar het Kanaal de Groninger 3/m schoener AASTROOM, kapt. P. Siegel, met gezouten huiden tot 40 sh., de Sappemeerster schoenerbrik REPRISE, kapt. F.F. Lieffijn, tot 28 sh. en naar Hamburg de Veendammer schoenerbrik NICOLAAS FRANS, kapt. H.A. Karsies, tot 27½ sh., beide per ton beenderas. Vijfentwintig schepen liggen hier onbevracht in de haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 februari. Het fregatschip PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, is 21 februari van Vlissingen te Cardiff gearriveerd. Alles wel.


23 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 18 maart. Hier is aangespoeld een stuk plank, waarop met witte letters de JONGE DIRK, verder afgebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 21 maart. Volgens particulier telegram van Batavia, dato 21 maart, is het schip NOACH III, kapt. Kruijt, behouden van hier op Java aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Chr. Ament, J.R. Bos Janszen, A.D. Strumphler, A. Vinke en J.J. van der Sande, makelaars, presenteren op maandag 25 april 1883, des namiddags te 15.00 u in het lokaal Frascati in de Nes alhier, voor hun principalen, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het extra welgebouwd en welbezeild gekoperd en kopervast Nederlands barkschip STAD LEIJDEN, kapt. J. Huisman, gemeten 372 register tons netto; geklassificeerd A 1, Red. Engelse Lloyds; en dit met deszelfs complete inventaris, liggende aan de werf van de scheepsbouwmeester J.C. Ceuvel, op de Kadijk, alhier, breder omschreven bij biljetten met inventaris.
Nadere inlichtingen bij genoemde makelaars. Zijnde het schip inmiddels uit de hand te koop.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te IJmuiden op 22 maart. De afloop der veiling van het Noorse barkschip VESTA bracht NLG 870 voor wrak met lading en NLG 3.188 voor de inventaris op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Tollenaar, makelaar, zal ten overstaan van de notaris J. G. H. Ter Horst, op maandag 2 april eerstkomend, des namiddags te 15.00 u, in het lokaal Frascati in de Nes te Amsterdam, in veiling brengen het gekoperde en kopervaste barkschip SURINAME, laatst gevoerd door kapt. Ouwenhand, volgens Nederlandse meetbrief lang 32,79, wijd 8,54, hol 5,06 meter, en alzo gemeten op 939,86 meter of 331,77 ton netto, en zulks met al deszelfs toebehoren, als bij gedrukte inventaris omschreven. Het schip is in mei 1880 nieuw gekoperd en heeft in 1882 het dek grotendeels vernieuwd.
Het schip ligt ter bezichtiging aan de werf De Zwarte Raaf van de heren E. J. Bok & Zonen te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 maart. Volgens een telegram uit Stettin zijn op alle stoomschepen die van daar naar Swinemunde onder weg waren, genoodzaakt geweest wegens zwaar ijs terug te keren. Daaronder behoorde ook het Nederlandse stoomschip HEKLA, dat lek is, en drie voet water in het voorruim heeft; het moet de beschadigde lading lossen en repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Volgens een telegram uit Batavia van 20 dezer, heeft het schip THORBECKE III te Onrust gedokt, en is gebleken dat de loze kiel en gedeelte van de voorkiel weg zijn en de koperen huid op verschillende plaatsen is afgeschuurd. Het schip moet breeuwen en nieuw koperen, de reparatiekosten zijn op NLG 35.000 begroot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkoping van schepen te Harlingen op woensdag 21 maart. Door de heer C. Kuhlman Jzn. alhier is onderhands gekocht het Nederlandse brikschip JEREMIAS. Koopprijs geheim. Het schip zal worden bevaren door kapt. H.K. Tap Hzn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zeeramp van de rammonitor ADDER. Verslag over het onderzoek aangaande de ramp.
De plaatsing van commandant en officieren aan boord van een monitor, die nog nimmer op een dergelijk vaartuig hebben gediend.
Tot goed verstand der zaak zij medegedeeld, dat de bevelhebber van een oorlogsvaartuig, op voordracht van de Minister door de Koning wordt benoemd en de Minister daarna de officieren, machinisten, machinist-leerlingen en onderofficieren tot het vaste korps behorende, aan boord van die bodem plaatst.
De ondergetekende moet beginnen met ten enenmale te verwerpen de verantwoordelijkheid door sommigen, in dit opzicht, gelegd op personen, die onder zijn bevelen aan het Departement van Marine werkzaam zijn. De Minister en niemand anders is verantwoordelijk voor hetgeen van zijn Departement uitgaat, hij moet en hij kan dat zijn.
In hoeverre is het nu te verantwoorden dat een commandant en officieren aan boord van Zr.Ms. rammonitor ADDER werden geplaatst, die nog nimmer aan boord van een monitor hadden gediend?
Toen de voordracht voor een bevelhebber van Zr.Ms. rammonitor ADDER moest worden ingezonden en de plaatsing van officieren aan boord van die bodem moest geschieden, waren er feitelijk geen commandant en geen officieren van de vereiste rang en de nodige anciënniteit beschikbaar, die vroeger op monitors hadden gediend. Het was dus niet mogelijk anderen aan te wijzen dan die nog niet op monitors hadden gevaren, maar al had de gelegenheid bestaan, dan zou de Minister toch daarvan geen gebruik gemaakt hebben. Wat toch is het geval?
Zowel met het oog op de beperkte financiële krachten van het land, als op de geringe getalsterkte van het personeel (vooral officieren en onderofficieren) is het sedert verscheidene jaren, de andere eisen van de zeedienst in aanmerking genomen, niet mogelijk geweest meer dan twee monitors, gedurende enkele maanden van het jaar in dienst te stellen. Jaarlijks werden dus slechts twee commandanten, twee eerste officieren en zes luitenants-ter-zee of adelborsten op monitors geoefend. Behoeft het nu wel betoog dat, indien steeds dezelfde officieren daarvoor werden aangewezen (hetgeen trouwens in verband met de bevordering en de diensten buitengaats niet mogelijk zou zijn), de dertien monitors, die in oorlogstijd bemand moeten worden, slechts zeer weinig officieren zouden tellen, die reeds op genoemde vaartuigen hadden gediend?
’s Lands belang vordert dus niet dat bij indienststelling van monitors commandanten en officieren daarop worden geplaatst, die nog niet op monitors hebben gevaren. Uit bijlage C dezer Memorie kan blijken, dat sedert 1875 steeds in die geest is gehandeld.
Tegen dit betoog zou kunnen worden aangevoerd, dat met de aanwezige middelen meer monitors zouden kunnen worden in dienst gesteld, indien slechts de opleidingen en de oefeningsdivisie werden ingetrokken, doch de ondergetekende is steeds van mening geweest, dat beide deze diensten in de eerste plaats nodig zijn: de opleidingen omdat zij het enige middel zijn tot aankweking van personeel, de oefeningsdivisie, omdat alleen op actieve zeeschepen het personeel wordt gevormd en die zeemanschap en zeemansdeugden aangeleerd worden, welke ten gevolge hebben dat de bevelhebbers, officieren en minderen zich al zeer spoedig op een vaartuig voor binnenlandse verdediging bestemd, te huis voelen. Stelde men de opleidingsschepen en de oefeningsdivisie buiten dienst, men zou tijdelijk meer monitors voor oefening kunnen bemannen, doch het zou niet lang duren of de toestand van het personeel zou weder teruggebracht zijn tot die van vóór 1874.
Een ander bezwaar, dat tegen de aanwijzing van de commandant van de ADDER is aangevoerd, luidt: dat die officier, door zijn 5-jarige dienstverrichting als officier-instructeur aan het koninklijk instituut voor de marine te Willemsoord, minder geschikt was geworden om dat bevel te aanvaarden. Het zou inderdaad treurig met het korps zeeofficieren gesteld zijn, indien dit kon gelden; gelukkig dat er voorbeelden te over zijn om het tegendeel aan te tonen. De ondergetekende behoeft daartoe slechts te wijzen op drie hoofdofficieren, die onder zijn bestuur en onder dat van de minister jhr. Wichers geroepen werden om het bevel over de oefeningsdivisie op zich te nemen. Een daarvan was gedurende de laatste 14 jaren aan ’s Konings huis geattacheerd geweest, de tweede gedurende 5 jaren commandant van het koninklijk instituut voor de marine, de derde gedurende 14 jaar (met interruptie van een jaar, toen hij een ramschip binnengaats commandeerde), aan het Departement van Marine werkzaam, en alle drie hebben zij hun bevel, van het ogenblik af, dat zij de voet weder aan boord zetten, op uitstekende wijze gevoerd.
Bijvoegde staat van dienst van de luitenant ter zee Simon van der Aa, bijlage D dezer Memorie, kan getuigen dat genoemde officiers veel diensten buitengaats heeft verricht; zowel op grond hiervan als van de conduite-rapporten heeft de ondergetekende dan ook met vol vertrouwen het commandement van de ADDER aan die officier gegeven. Buitendien heeft de heer Simon van der Aa alle tijd gehad om zich voor die taak voor te bereiden, aangezien hem 3 maanden van te voren is medegedeeld, dat het commandement van de ADDER voor hem was weggelegd. Voorts was hij gedurende zijn vijftigjarig verblijf te Willemsoord meer dan menig ander zeeofficier in staat om op de hoogte te blijven, van zijn vak, speciaal was betreffen de rammonitors, aangezien hij zich daar in het centrum bevond der maritieme beweging en telken jare rammonitors van reizen buitenom kon zien binnenkomen of zich voor dergelijke reizen kon zien gereedmaken, met de commandanten dier vaartuigen kon aboucheren enz., gelegenheden die hij zeker niet voorbij heeft laten gaan.
Wat betreft de door het Departement van Marine aangewezen machinisten en onderofficieren zij hier aangetekend: dat de 1ste machinist niet alleen op de monitor KROKODIL en de rammonitors PANTER en HAAI had gediend, maar gedurende de zomeroefeningen van 1881 zelfs als chef van de machinekamer op laatstgenoemde rammonitor, welk feit door de ADDER-commissie niet is gereleveerd. Deze persoon kon dus ten volle vertrouwd worden geacht met alles wat machines, pompen, sluizen, deuren en ventilatie op een rammonitor betreft; dat een der machinisten 2de klasse vroeger als machinist had dienst gedaan op de rammonitor HAAI en op het ramschip STIER en de andere eveneens op de rammonitorschepen SCHORPIOEN en STIER. Eerstgenoemde was dus ook ten volle bekend met de werktuigen van een rammonitor, laatstgenoemde had gevaren op schepen met gelijksoortige machines; dat de schipper, chef d’equipage, in dezelfde kwaliteit had gediend op de rammonitor HYENA, en gedurende de zomeroefeningen van 1881 eveneens in dezelfde kwaliteit op Zr. Ms. rammonitor ADDER, hetgeen aan de aandacht der ADDER-commissie schijnt te zijn ontgaan. Deze was derhalve volkomen vertrouwd met alles wat grondtakel, schalminrichting, waterkering enz. van de ADDER betreft.
Voor zover dit personeel aangaat, kan derhalve van ongeoefendheid geen sprake zijn, en een ieder die maar enigszins met de dienst aan boord van een schip bekend is, zal beseffen welke waarde aan het feit moet worden toegekend, dat 1ste machinist en schipper volkomen op de ADDER te huis waren.
Paragraaf 3. De onvoltalligheid en onervarenheid van de verdere bemanning van Zr. Ms. rammonitor ADDER.
Nadat de in paragraaf 2 genoemde personen door de Koning zijn aangewezen, zorgt de directeur en commandant der marine van de directie waar het schip wordt in dienst gesteld voor de verdere bemanning van het vaartuig. Is dit bestemd om naar zee te vertrekken, dan handelt de directeur en commandant overeenkomstig de inhoud van art. 7 zijner instructie (IIIde hoofdstuk, IIde deel der Verordeningen), welk artikel aldus luidt:
“Hij (directeur en commandant) inspecteert bovendien alle bodems, die niet tot een afzonderlijk eskader behoren, vóór hun vertrek naar zee en bij binnenkomst van een buitenlandse reis. Bij naar zee vertrekkende schepen let hij vooral op alles wat de zeewaardigheid van de bodem betreft.
Van deze inspecties rapporteert hij dadelijk na afloop aan de Minster van Marine. Bij vertrekkende schepen legt hij tevens een beredeneerd geheim rapport, betreffende de handelingen van de commandant, en diens ijver bij de gereedmaking en het verblijf van het schip in de directie aan de dag gelegd.
Wanneer het hier bedoelde rapport van dien aard is, dat de tijdige wetenschap daarvan voor de Minister wenselijk is, zorgt de directeur en commandant dat het vóór het vertrek van de bodem tijdig wordt ontvangen.”
Dit voorschrift is in 1875 alsnog aangevuld als volgt:
“Het bij dit artikel bepaalde zal van toepassing zijn op het gepantserd materieel, zodra de in dienst gestelde schepen voor de dienst gereed zijn.” (Aanvullingsblad no. 1 van genoemde instructie.)
Het bevel tot indienststelling, samenstelling en vertrek naar zee gegeven hebbende, blijft de Minister derhalve buiten bemoeiing met de uitvoering van dat bevel, tenzij de directeur en commandant bedenking heeft tegen het vertrek naar zee, in welk geval hij heeft te zorgen dat de Minister tijdig daarvan kennis draagt.
Het door de Minister gegeven schriftelijk bevel betreffende de samenstelling van de bemanning van Zr.Ms. rammonitor ADDER, d.d. 9 juni 1882, luidde aldus: “Omtrent de verdere samenstelling der bemanning (1) overeenkomstig de lijst voor het charter dier schepen, vastgesteld in hoofdstuk XVII, 1ste deel der verordeningen, gelieve u des vereist in onderling overleg op te treden (2), teneinde die zoveel mogelijk voltallig te maken.”
Zr.Ms. rammonitor ADDER is daarna op 1 juli in dienst gesteld met een bemanning, sterk 73 koppen, verdeeld als volgt: 1 luitenant ter zee der 1ste klasse, 4 luitenants ter zee der 2de klasse, 1 officier van gezondheid 2de klasse, 1 officier van administratie 2de klasse, 1 schipper, 1 bootmansmaat, 2 kwartiermeesters, 1 tweede stuurman, 1 konstabel, 1 tweede timmerman, 1 botteliersmaat, 1 tweede ziekenoppasser, 1 tweede schrijver, 1 hofmeester, 1 scheepskok, 1 koksmaat, 1 schoenmaker, 3 matrozen 1ste klasse, 4 matrozen 2de klasse, 11 matrozen 3de klasse, 3 lichtmatrozen, 1 machinist 1ste klasse, 2 machinisten 2de klasse, 4 machinist-leerlingen, 1 vuurstoker 1ste klasse, 1 vuurstoker 2de klasse, 8 milicien-vuurstokers, 1 korporaal der mariniers, 1 tamboer, 12 mariniers. Totaal 73 koppen.
Van de voorgeschreven bemanning van 85 koppen ontbraken dus: 1 konstabelsmaat, 1 hofmeester, 1 scheerder, 1 matroos 1ste klasse, 2 matrozen 2de klasse, 4 matrozen 3de klasse of lichtmatrozen, 4 lichtmatrozen of jongens, 4 vuurstokers 1ste klasse, 4 vuurstokers 2de klasse, totaal 22 koppen, terwijl bij gebrek aan een officierskok een scheepskok, en in stede van een derde stuurman, een tweede stuurman was geplaatst.
Daarentegen waren overcompleet: 2 machinist-leerlingen, 8 milicien-vuurstokers. Totaal 10 koppen.
Op 22 juni had de ondergetekende een telegram ontvangen van de directeur en commandant der marine te Amsterdam, luidende; “Bemanning en ARUBA (3) nodig voor gepantserd materieel; is verlof van 14 dagen voor die mensen overeen te brengen met de plannen van Uwe Excellentie, anders moeten zij reeds primo juli overal aan boord zijn, verzoeke draadantwoord;” waarop diezelfde dag door ondergetekende per draad is geantwoord “tegen het verlenen van veertien dagen verlof geen bedenking.” Dientengevolge waren bij de indienststelling van de ADDER met verlof 2 kwartiermeesters, 1 tweede ziekenoppasser, 2 matrozen 1ste klasse, 2 dito 2de klasse en 3 dito 3de klasse, totaal 10 koppen, die zich de 6de juli aan boord moesten melden.
Al deze bijzonderheden omtrent de samenstelling der bemanning, uitgenomen het feit dat mogelijk enkele manschappen (hoeveel was niet bekend) eerst enige dagen na de indienststelling aan boord zouden komen, zijn de Minister eerst bekend geworden nadat de ADDER reeds was vergaan. De directeur en commandant, die het niet nodig heeft geoordeeld de ondergetekende daarvan kennis te geven, vóór het vertrek van de ADDER naar zee, was dus blijkbaar van oordeel, dat het schip op deze wijze bemand, de reis zonder bezwaar kon aanvaarden.
In hoeverre heeft bedoelde vlagofficier echter voldaan aan het hem gegeven bevel?
Hierboven is reeds gezegd, dat de Minister bevolen had de bemanning “zoveel mogelijk voltallig te maken”. Dit is niet geschied. Het voltallig maken van het personeel in de kwaliteiten van konstabelsmaat, hofmeester, scheerder en matrozen 3e klasse, lichtmatrozen of jongens was niet mogelijk, omdat de stof daartoe ontbrak. Daarentegen is het de ondergetekende gebleken, dat de matrozen 1e en 2e klasse en de vuurstokers 1e en 2e klasse wel voltallig hadden kunnen zijn. Omtrent de matrozen 1e en 2e klasse meldt de directeur en commandant in zijn aan de Minister gericht inspectierapport (4) over de ADDER: “Ik zou in staat geweest zijn het volle aantal matrozen 1e en 2e klasse op de ADDER te plaatsen, maar wetende dat elders voor het gepantserd materieel gebrek aan die kwaliteit bestond, meende ik in ’t belang van de dienst te handelen door hier niet stipt aan de bemanningslijst vast te houden.”
De Minster moet tot zijn leedwezen verklaren dat hier niet met voldoende overleg gehandeld is. Genoemde directeur en commandant wist, dat de ADDER het eerst van alle in dienst te stellen gepantserde schepen een tocht buitengaats zou moeten maken, dat dit schip dus in de eerste plaats behoefte had aan voltallige bemanning, dat een deel van het personeel in de eerste dagen niet aan boord zou zijn, en hij had het in zijn hand om, uit personeel in zijn eigen directie, aan ’s Ministers lastgeving te voldoen om de bemanning zo voltallig mogelijk te maken, voor zoverre betreft de matrozen 1e en 2e klasse.
Omtrent het vuurstokerspersoneel komt in genoemd rapport de zinsnede voor: “Behalve 8 vuurstokers, die volgens order van Uwe Excellentie door miliciens waren vervangen, ontbraken 1 konstabelsmaat” enz.
De ondergetekende, die zich niet bewust was een dergelijk bevel te hebben gegeven, heeft genoemde directeur en commandant verzocht hem nummer en datum der resolutie mede te delen, waarin de order zou zijn verstrekt om 8 vuurstokers door miliciens te doen vervangen. Daarop is het navolgende antwoord ontvangen:
“Het woord vervangen, door mij gebruikt in het rapport d.d. 5 juli j.l., no. 1147, komt niet voor in enige ministeriële resolutie, uitgevaardigd met betrekking tot het indienststellen en tot het bijeenbrengen der bemanningen voor het gepantserd materieel. Het woord is taalkundig waarschijnlijk niet juist, in zoverre het meer aangeeft een verwisseling van het reeds bestaande, en de acht vuurstokers waren van de beginne af niet in de rol geplaatst, evenals dit niet geschied was in de jaren 1880 en 1881.
In 1880 werd de bepaling dat al dadelijk 8 miliciens als vuurstokers geplaatst moesten worden zo opgevat, dat de vaste rol (10) behouden bleef. Van Zr. Ms. wachtschip en Zr. Ms. schroefstoomschip MARNIX werd van elk één vuurstoker overgeplaatst. Aan boord van het laatste schip bleven toen volgens het wekelijks rapport over 15 vuurstokers; aan boord van het wachtschip 4 vuurstokers voor buitenlandse dienst en 23 vuurstokers voor binnenlandse dienst.
Evenals in 1880 werden in 1881 weder op de ADDER geplaatst 2 gewone vuurstokers en 8 miliciens. Volgens het wekelijks rapport van het wachtschip bleven daar toen over 23 vuurstokers der 1e, 2e en 3e klasse, benevens 25 vuurstokers voor binnenlandse dienst.
In 1882 werd op dezelfde wijze gehandeld.”
De Minister moet tot zijn leedwezen verklaren dat ook deze verantwoording van de directeur en commandant te Amsterdam hem niet heeft voldaan.
In het jaar 1879 is door de Minister van Marine jhr. Wichers voor het eerst bij de indienststelling van het gepantserde materieel de order gegeven:
“Reeds dadelijk zullen op de STIER alsook op de GUINEA ieder 16 en op de monitors ieder 8 zeemiliciens als vuurstokers moeten overgaan,” In 1880 luidde het daarop betrekking hebbende bevel, door de Minister uitgevaardigd: “In navolging van vroeger zullen reeds dadelijk op de STIER alsook op de GUINEA ieder 16 en op de monitors ieder 8 zeemiliciens als vuurstokers moeten overgaan.” In 1881 en 1882 werd naar de aanschrijving van 1880 verwezen.
De directeuren en commandanten te Willemsoord en Hellevoetsluis en ook de ambtsvoorganger van de tegenwoordige directeur en commandant der marine te Amsterdam in 1879, hebben het bevel steeds opgevat zoals het bedoeld was, namelijk dat de milicien-vuurstokers, die niet in de rol werd opgenomen, maar slechts als gedetacheerd in rol werden gevoerd, boven het getal der vaste bemanning aan boord moeten worden geplaatst. Ook bij de bemanningslijst voor monitors, vastgesteld in het XVIIde hoofdstuk, 1ste deel der Verordeningen, zijn wel bepalingen te vinden omtrent vervanging van gewone zeemiliciens door matrozen of omgekeerd, maar niet van milicien-vuurstokers door gewone vuurstokers of omgekeerd. De directeur en commandant te Hellevoetsluis heeft dan ook, zoals uit de wekelijkse rapporten van die tijd blijken kan, zowel in het jaar 1880 als in 1881, het voorgeschreven aantal vuurstokers onmiddellijk na aankomst van de ADDER te Hellevoetsluis aangevuld.
Had dit misverstand omtrent het door de Minister gegeven de ondergetekende niet vroeger bekend kunnen zijn?
Op die vraag kan niet anders geantwoord worden dan: het had de Minister bekend kunnen zijn, dat de ADDER in 1880 en 1881 slechts met twee vuurstokers in dienst was gesteld, terwijl er meerdere vuurstokers op het wachtschip en de MARNIX voorhanden waren, want de wekelijkse rapporten worden aan het Departement toegezonden. Aangezien de rol echter telkenmale, bij aankomst te Hellevoetsluis, onmiddellijk werd aangevuld, en het aanwijzen der bemanningen van oorlogsvaartuigen, ingevolge de gegeven voorschriften, geheel behoort tot de bevoegdheid van de directeuren en commandanten, is het licht te verklaren, dat ’s Ministers aandacht niet op deze zaak gevestigd is. Uit de inspectierapporten van 1880 en 1881 bleek het misverstand niet, want in dat van 1880 werd met geen woord over de vuurstokers gesproken en in dat van 1881 werden de 8 ontbrekende vuurstokers begrepen onder het getal manschappen, waarvan de directeur en commandant zegt, dat hij er tot zijn leedwezen niet in geslaagd is, ook niet door de medewerking in te roepen van de directeuren en commandanten der Marine te Willemsoord en Hellevoetsluis, om het ontbrekende aan te vullen, zodat de Minister, dit lezende, niet anders dacht, dan dat het onmogelijk was geweest meer vuurstokers in de rol van de ADDER te plaatsen.
De bemanning van de ADDER is dus niet samengesteld zoals de Minister het gewenst en bevolen had. Moest nu dit verzuim onvermijdelijk leiden tot het ongeluk dat aan de ADDER is overkomen?
De Minster antwoordt op die vraag neen; even goed als de ADDER in 1880 en 1881, met gelijk onvoltallig of nog onvoltalliger bemanning Hellevoetsluis zonder bezwaar heeft bereikt, even goed was zulks in 1882 mogelijk.
Men ziet toch niet over het hoofd, dat de bemanning van een oorlogsschip is samengesteld met het oog op de bezetting van alle posten in de batterij, bij de pompen en spuiten, als scherp- en kardoesmannen, in een woord voor tijd van gevecht, doch dat een deel daarvan, hoogstens de helft, voldoende moet zijn om het schip over zee te brengen, te meer wanneer het een reisje van enkele uren betreft. Noch commandant, noch 1e machinist - laatstgenoemde zoals reeds gezegd is, ten volle vertrouwd met de eisten van het stoken van de ketels van een rammonitor - hebben dan ook het minste bezwaar gemaakt om met het hun verstrekte personeel de reis te aanvaarden.
Is echter de onvoltalligheid en onervarenheid der vuurstokers feitelijk een der oorzaken geweest van de ramp?
Op die vraag is geen positief antwoord te geven, doch het blijkt uit de verklaringen van getuigen voor de ADDER-commissie afgelegd, dat de ADDER tot het laatste toe stomende is geweest. De onderstelling is niet zeer gewaagd, dat dit stomen in de laatste uren, in verband met de toestand der zee (waardoor de schroeven waarschijnlijk telkens uit het water lichtten en de werktuigen elk ogenblik wild doorsloegen) met niet meer dan 80 à 90 slagen der machine heeft kunnen plaats vinden. Neemt men daarbij in aanmerking de tegenstroom die de ADDER ondervond en de verklaring van vorige commandanten, dat het schip bij woelige zee lastig te sturen was, zodat de machines telkens tegen elkander te werk moesten worden gesteld, dan verklaart dit alles geheel dat de monitor op het laatste deel van zijn reis weinig of geen voortgang maakte en valt uit dat feit volstrekt niet af te leiden, dat de monitor geen stoom kon houden.
Hetgeen de ADDER-commissie op blz. 20 van haar rapport zegt, nl. dat de ketels van een monitor eigenaardige bezwaren opleveren bij het stoken, kan de Minister niet toegeven. De stookplaats op die schepen is ruim, de vuren liggen alle op bekwame hoogte, de lage vorm der ketels en de daaruit voortvloeiende plaatsen der vlampijpen achter de vuren, heeft op het stoken weinig of geen invloed. Het enige bezwaar dat die lage vorm oplevert is dat de ketels soms last geven van opkoken, ingeval het aantal slagen der werktuigen boven 120 wordt opgevoerd, hetgeen op deze reis van de ADDER zeker niet geschied is. Om de maximum stoomspanning bij volle kracht stomen te kunnen behouden, zijn gunstige omstandigheden nodig, doch bij welke ketels en werktuigen is zulks niet het geval? In geen der eindrapporten over de ADDER uitgebracht, worden over moeilijk stoomhouden geklaagd, en alle commandanten getuigen dat de ADDER gemakkelijk 100 à 110 slagen der machine kon volhouden.
De milicien-vuurstokers die aan boord geplaatst waren, kunnen ook niet allen als zo gans onervaren worden beschouwd. Vijf hunner ware praktisch gevormde stokers, die, hoewel nog jong, toch reeds enige tijd bij het vak waren en die, in de tijd op particuliere schepen doorgebracht, wellicht tamelijk veel ondervinding van stoken hadden opgedaan. Van deze vijf hadden er vier op zeeschepen gevaren. De drie overblijvenden waren wel geen werkelijke stokers en nimmer aan boord geweest, doch allen hadden min of meer in machines gewerkt en daarmede omgegaan, zodat het oliën en andere werkzaamheden in de machines aan hen kom worden toevertrouwd. Bij volle ruimen, zoals op de ADDER het geval was, vallen de kolen uit de schuiven voor de vuren op de vuurplaat, zodat er geen stokers voor het verwerken der kolen benodigd zijn. De ADDER had dus minstens zes bruikbare vuurstokers voor de vuren.
Het schip was voorzien van South-Yorkshire-kolen, juist uit Engeland ontvangen, een kolensoort die wel mindere warmte geeft en meer roet vormt dan Cardiff-kolen, doch die bij belemmerde luchtaanvoer, zoals op een geschalmde monitor het geval kan zijn, gemakkelijker brandt dan laatstgenoemde soort, terwijl toch daarbij vlampijpen vegen in de eerste wachten stomens niet nodig is.
Ten slotte zij het dan Minister vergund hierbij aan te tekenen, dat de uitdrukking van de commandant Van der Aa, dat hij haast maakte “om van Amsterdam weg te komen, dewijl hij vreesde, indien hij zijn bemanning liet passagieren, hij wel eens gebrek aan volk kon hebben en daardoor verhinderd weg te komen”, hem tot geen andere conclusie kan doen komen, dan dat de commandant dus meende op dat ogenblik volk genoeg te hebben voor de reis.
Paragraaf 4. Bijzonderheden omtrent de indienststelling van de ADDER.
Ten einde zich te overtuigen, dat bij de indienststelling en gereedmaking van Zr. Ms. rammonitor ADDER geen afkeurenswaardige overijling heeft plaats gehad, zijn door de Minister berichten ingewonnen bij de onderdirecteur der marine te Amsterdam en bij de commandant van Zr. Ms. wachtschip aldaar. Deze berichten, waarvan de inhoud hoogst belangrijk is, worden als bijlagen E en F bij deze Memorie gevoegd. Daaruit blijkt, dat vóór het vertrek van de ADDER uit Amsterdam zelfs tijd te over was, terwijl tevens licht verspreid wordt over de gemoedstoestand, waarin de luitenant ter zee Simon van der Aa zijn commandement en zijn reis aanvaardde.
(1) In hetzelfde schrijven waren opgegeven de commandant, officieren, machinisten, machinist-leerlingen en onderofficieren voor de ADDER bestemd.
(2) De missive was gericht aan de drie directeuren en commandanten te Willemsoord, Amsterdam en Hellevoetsluis, aangezien de drie directiën bij de indienststelling van gepantserd materieel betrokken waren.
(3) Enige dagen te voren uit West-Indië binnengevallen.
(4) Dit rapport, gedateerd 5 juli, is eerst 7 juli ’s avonds aan het Departement van Marine ontvangen.


24 maart 1883


  JB - Javabode

Toen het stoomschip WILLIAM MACKINNON op de 5e februari j.l. te Benkoelen van Padang aankwam, bleek het op een rif nabij Seblat, afdeling Mokko Mokko, gestoten te hebben en verklaarde de havenmeester het schip dientengevolge onzeewaardig. Passagiers en lading werden per stomer GENERAAL PEL, welk vaartuig van Batavia naar Benkoelen was gedirigeerd, naar eerstgenoemde plaats vervoerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Volgens een telegram uit Londen is het Nederlandse schip ENETTA, kapt. Duit, bestemd naar Rio Grande, te Liverpool binnen gelopen met zwaar beschadigde verschansing en schade aan het grootwant, zijnde in aanzeiling geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 23 maart. Volgens een te Appingedam ontvangen telegram is de Nederlandse galjoot GEESZIEN, kapt. Koburg, op reis van hier naar Kragerö (Oslofjord) bij Doggersbank verlaten. De bemanning is door Engelse vissers behouden te Grimsby aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin, 21 maart. De gisteren van hier vertrokken stoomschepen waaronder het Nederlandse stoomschip HECLA, zijn gisteren bij Ziegenort (opm: Trzebiez) voor anker blijven liggen. De stoomschepen BRAVO en HECLA, de laatste met schade door het ijs zijn hier heden terug gekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 maart. Volgens een particulier bericht ligt het Nederlandse schip NOORDSTER, kapt. Roest van Palermo naar Amsterdam, bij Bevesier wegens tegenwind geankerd. Aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kirkwall, 24 maart. Het schoenerschip SAPPEMEER werd gisteren te Kirkwall binnengesleept met een lading haring aan boord, welke zes maanden geleden in Schotland zijn geladen met bestemming naar Stettin. Twee maal is het schip in averij geweest. De eerste maal is het gelost en heeft grote herstellingen ondergaan en nu is het in geheel ontredderde staat met gebroken rondhouten en verschansing, terwijl de zeilen aan flarden zijn gescheurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 22 maart. Het wrak van het alhier gestrande schip VESTA is met de nog eventueel aan boord zijnde lading heden in publieke veiling voor NLG 870 en de inventaris voor NLG 3.188 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 23 maart. Het stoomschip BATAVIA, voor rekening der Rotterdamsche Lloyd op de werf der Koninklijke Maatschappij De Schelde in aanbouw, zal op zaterdag de 7e april, namiddag 3 uur, worden te water gelaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 23 maart. Het schip ANTINA HENDRIKA, kapt. Veen, van Bayonne naar Hamburg, is heden alhier binnengelopen met schade aan zeilen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 22 maart. Aangezien de lage waterstand gisteren niet toeliet, dat de FLEVO in de haven stoomde, wierp men gisteren het anker uit. Door de weke grond werd het evenwel door de boot meegesleurd, en stellig zou deze op de steenglooiing gestoten zijn, indien de kapitein niet snel zijn bevelen om terug te stomen gegeven had. Heden kon de FLEVO slechts de namiddagreis doen, wegens de lage waterstand.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vermiste schepen. Omtrent het volgende schip is geen bericht ingekomen: JANSJEN, kapt. Ehler, 19 november jl. met kolen van Grimsby naar Dantzig vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 22 maart. Het stoomschip SUMATRA, kapt. Bakker, heeft in het Suezkanaal zes volle dagen oponthoud gehad door het vastzitten van een ander schip. Sedert de 18e dezer is de vaart echter weer vrij.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 22 maart. Volgens telegram uit Londen, bij de vereniging van assuradeuren ontvangen, is het Nederlandse schip ENJETTA, kapt. Duit, bestemd naar Rio Grande, te Liverpool binnengelopen met zwaar beschadigde verschansing en schade aan het grootwant, zijnde in aanzeiling geweest.


  JB - Javabode

Batavia, 24 maart. Te Macassar is voor de tijd van vijf jaren een vernnootschap gevormd, voerende de naam van Stoombootreederij Macassar en ten doel hebbende het in de vaart brengen en houden van een stoomboot, bestemd voor personen- en goederenvervoer in de Indische archipel. De directie der vennootschap wordt opgedragen aan de firma W.B. Ledeboer & Co.


25 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 21 maart. Heden is van de werf van C. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten de schroefstoomboot ADRIANA voor rekening van de heer C. Kapteijn te Delfshaven. Machine en ketel (opm: 30 PK) zijn vervaardigd aan de fabriek van de heren Burgerhout & Zoon te Rotterdam.
Daarna werd de kiel gelegd van een ijzeren Rijnschip (opm: overdekt 2-mast Rijnzeilschip ANNA MARIA), groot 300 last, voor rekening van de heer G. Kehl te Nierstein.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 24 maart. Volgens telegram uit Londen, alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip ODIN, kapt. Nielsen, lek van Samarang te Queenstown aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het uitmuntend, zeer snelvarend schroefstoomschip
PRINS ALEXANDER DER NEDERLANDEN, gebouwd in 1878 onder speciaal survey der
Germanischer Lloyd, groot 265 tonnen, lang 145, wijd 20 en hol 7½ Amsterdamse voeten, gemiddelde vaart negen mijlen met een kolenverbruik van twee hectoliter per uur.
Dit stoomschip is doelmatig ingericht voor passagiers, goederen en vee, laadt circa 100 last goederen en wordt thans gebezigd in de geregelde vaart tussen Harlingen en Amsterdam, zijnde hetzelve zeer geschikt voor de binnenlandse en buitenlandse vaart, zomede voor de Indische kustvaart.
De machine van veertig paardenkracht is voorzien van een oppervlakte condensor, terwijl de ketel in september ll. bij de fabrikant Suijver te Amsterdam grotendeels vernieuwd is.
Nadere informatiën bij de heer P. H. Craandijk, makelaar, Singel No.1, Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 22 maart. De ENJETTA bestemd naar Rio Grande, en de stoomboot PRINCE ARTHUR, ten anker liggende in de rivier, zijn in aanvaring geweest. De eerste is in het dok gehaald met belangrijke schade aan voortuig en verschansing. De laatste verloor de boegspriet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 maart. De lading van het bij IJmuiden gestrande schip VESTA, van Santos naar Hamburg, wordt per stoomschepen naar Hamburg gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam. Het Nederlandse schip SLANGEVECHT, kapt. Bakker, van Amsterdam naar Macassar, is lek in het bovenschip te Madeira aangekomen, en moet gedeeltelijk lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Volgens een telegram is het Nederlandse schip GEERTRUIDA, kapt. Hartman, van Vlaardingen naar Cadiz, aldaar de 21e goed en wel aangekomen na een twaalf dagen durende reis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 23 maart. Door het sloepschip TRIO, schipper L. Wagenaar, alhier thuishorende, werd 19 maart opgenomen en is heden hier geland, de equipage van het schip MACEDON, kapt. Johanesen van Christiania met ijs naar Londen bestemd, die hun schip in de Noordzee op 55º20’ NB 03º25’ OL in zinkende staat verlaten hadden. Het water spoelde over het dek, zodat het schip die nacht wel gezonken zal zijn.


27 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geestemünde, 23 maart. Hedenochtend zonk in de voorhaven het schip DIRKJE, kapt. Poort, geladen met 820 zakken rijst, 20 kisten stijfsel en 7 puncheons rum, van Bremen bestemd naar Malmö. Aangezien er teveel ijs in de rivier was, bleef de DIRKJE in de voorhaven liggen, doch geraakt op stenen, waardoor het schip lek werd, doch kon men het met de pomp lens houden. Bij het weer naar binnen slepen nam de lekkage zodanig toe, dat het schip aan de grond gezet moest worden, waar het vol water liep. Met laag water zal men de lading uit het schip halen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent het gebeurde met het stoomschip CITY OF ROTTERDAM, kapt. Giffin, met ijzer van Maryport naar Rotterdam, dat hedenochtend op de strekdam bij het Zuiderhoofd van de Noord West gevaren is, wordt ons nader medegedeeld:
Ondanks de hoge zee beproefde de reddingboot van het loodswezen terstond de equipage te redden. Bij een eerste poging sloeg het roer van de reddingboot stuk en was men genoodzaakt terug te keren om dit te herstellen. Bij een tweede poging gelukte het om langszij te komen, en had men de voldoening, de gehele bemanning, 18 man sterk, veilig aan wal te brengen. De reddingboot was bemand door de loodscommissaris L. van der Sloot, de loodsen H. Hollenaar, M. de Boer en L. Posthumus, de hulploods L. Verschoor, de matrozen D. De Harder, A. Termijn en L. Valkenier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 26 maart. De Nederlandse kof NOOIT GEDACHT, kapt. Zoutman, van Delfzijl naar Osterrisoer, waarvan men reeds geruime tijd enig bericht verwachtte, is volgens een heden alhier ontvangen telegram te Kragerö binnen.


28 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het barkschip ELISABETH, kapt. Koen, de 26e dezer te Namsos gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 25 maart. De kof GESINA, kapt. Brinkema, van Hamburg naar Perth, is op zee gezonken. De equipage werd hier aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het Nederlandse barkschip MEDEA, kapt. Schall, van Atjeh te Batavia aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 maart. Het lek te Martinique binnen gelopen schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema, was 26 februari van Suriname naar Amsterdam vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 27 maart. Volgens een alhier ontvangen telegram is te Osterrisoer aangekomen, wegens tegenwind, het schip JANTJE VISSER, naar Kragerö.


  AH - Algemeen Handelsblad

Hellevoetsluis, 27 maart. Het stoomschip ZUID-HOLLAND, naar Batavia via Brouwershaven, is met hoogwater door zware sneeuwbuien, bij Middelharnis aan de grond gevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 27 maart. Het stoomschip CITY OF ROTTERDAM is vol water. Door de hoge zee hebben de sleepboten niet bij het schip kunnen komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 maart. Het schip ANNA MARIA, kapt. Manneken, van Lissabon naar Vlaardingen, heeft bij het vertrek op de baar gestoten en is zwaar lek uit zee terug gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 2 maart. Gisteren avond had alhier een samenkomst plaats van een 28-tal personen ter beraadslaging over de mogelijkheid van het in het leven roepen ener maatschappij, ten doel hebbende een stoomvaartverbinding tussen Suriname en de naburige koloniën Brits en Frans Guyana.
Tot bereiking van dat doel hadden de ontwerpers van het plan zich voorgesteld, de thans ongebruikt ter rede liggende stoomboot AUDACIEUSE aan te kopen en na ondergane reparatie daarmede dadelijk een aanvang met de dienst te maken.
Omtrent de soliditeit van de AUDACIEUSE was een onderzoek ingesteld en werd het desbetreffende rapport voorgelezen. Bij dit stuk waren de kosten van reparatie niet begroot. Zij werden echter volgens andere inlichtingen geschat op plusminus NLG 7.000,-.
De vergadering was het dadelijk eens over de wenselijkheid van het tot stand komen van een dergelijke stoomvaartdienst. Zij vond echter het maatschappelijk kapitaal van NLG 30.000,-, hetwelk de ontwerpers meenden te moeten voordragen, te weinig, en meende dat de maatschappij over twee boten moest kunnen beschikken om een geregelde vaart te onderhouden.
Daarentegen werd door enige aanwezigen de aankoop van de AUDACIEUSE niet aangeprezen, omdat de kosten van reparatie volgens deskundigen, ter vergadering aanwezig, tussen NLG 12.000 en NLG 15.000 zouden bedragen.
Eindelijk werd door de ontwerpers voorgesteld een commissie van 5 personen uit de aanwezigen te benoemen, die een nauwkeurig onderzoek naar de toestand van de AUDACIEUSE zal instellen en tevens een begroting van de reparatiekosten zal doen opmaken, om daarna te beraadslagen over een eventuele vergroting van het maatschappelijk kapitaal.
De vergadering zich met dit voorstel verenigende, werden tot leden dier commissie gekozen de heren: M.S. van Praag, E. Soesman, J.N. Eckhardt de Mesquita, J.E. Muller en S.H.H. de la Fuenta, die zich de keuze liet welgevallen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 februari. Vrachten. Er is nagenoeg niets omgegaan, het seizoen voorbij zijnde. Het Nederlandse schip PRESIDENT TRAKRANEN werd bevracht naar Amsterdam met suiker tot NLG 25 per last en ligt verder in lading. De NOACH IV werd naar het Kanaal voor order bevracht met suiker tot GBP 1.17/6 per ton. De Nederlandse stoomschepen PRINS HENDRIK, LIMBURG en PRINSES MARIE liggen in lading naar Nederland.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: AUGUSTE, JOHANNA EN MARGARETHA, GRAAFSTROOM, JOHANNA, NIEUWE WATERWEG I en URANIA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam op 27 maart: het tjalkschip FENNECHIENA is voor NLG 975 verkocht.


29 maart 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 februari. Het Duitse schip ADELE, met suiker van hier naar Pekalongan om daar vol te laden, is bij Krawang Punt (West Java) aan de grond geraakt. De stoomboot ATJEH is tot assistentie derwaarts gezonden en heeft wat suiker overgenomen. Het schip is nog niet afgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. De beschadigde goederen, hoofdzakelijk manufacturen en tapijten, geborgen uit het bij Petten gestrande stoomschip EDDYSTONE, van Hull herwaarts , hebben tezamen in veiling NLG 59.400 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 februari. Het Engelse schip SARMATIAN, in ballast van Soerabaja naar Calcutta, is bij Panaroekan vastgeraakt. Een stoomboot is ter assistentie gezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 28 maart. Na een weinig gelicht te hebben, trachtte men het stoomschip ZUID-HOLLAND hedenochtend met hoog water en met assistentie van sleepboten af te brengen, doch het bleef zitten. Men gaat met het lichten verder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Kapitein G.Groen Jzn. voerende het Nederlandse schip ZEENYMPH, van Macassar alhier aangekomen, rapporteert de 19de dezer, bij de oostboei van de Kentish Knock, gezien te hebben een klein wrak, dat gaandeweg dieper zonk, totdat het na een kwartier niet meer zichtbaar was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 februari. Het op Krawang gestrande Duitse schip ADELE is bezig de lading suiker te lossen, die in het Noorse barkschip OTTO wordt over geladen. Het schip maakt geen water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is de COLUMBUS, kapt. Scholten, gisteren te Flacotolpan in Mexico aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 februari. De THORBECKE III ligt nog te Tandjong Priok en is zwaar lek. Er zijn zeilen onder het schip doorgehaald en een stoompomp is aan boord. Een deel der zwaar beschadigde lading zal morgen publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 26 maart. Het stoomschip ZUID-HOLLAND is, na enige lichters gelost te hebben, met assistentie van een sleepboot vlot gekomen en naar Brouwershaven gestoomd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 maart. Het lek te Martinique binnengelopen schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema, was de 26ste februari van Suriname naar Amsterdam vertrokken.


  JB - Javabode

Aan het verslag van het Bataviaasch Prauwenveer over 1882 is het volgende ontleend.: In de plaats van de heer J.R. Kleijn, die wegens vertrek naar Europa zijn mandaat had neergelegd, werd de heer C. Vriesendorp tot Commissaris benoemd, zodat het bestuur op ultimo december 1882 bestond uit de heren J.C.L.B. Falk, President, G.A. de Lange, L.W. Gribling, C. Vriesendorp, Commissarissen.
Verliezen van prauwen ten gevolge van zeeramp, heeft het veer gedurende het boekjaar 1882 niet geleden. Nieuwe prauwen zijn niet aangebouwd.
De beide aan het veer behorende stomers TJITARUM en TJILIWONG hebben ook in het afgelopen jaar, aan het veer goede diensten bewezen; eerstgenoemde ten behoeve van het Tjicao contract, laatstgenoemde op de rede en in de haven van Priok.
De verhuur van de TJILIWONG aan particulieren is afgenomen. Men geeft de voorkeur aan de kleinere, aan andere toebehorende bootjes, CUSTOS, PRIOK en MARIE, die uit hoofde van minder kolenverbruik, tot goedkopere prijzen kunnen varen. Bij slecht weder en hoge zee werd echter bij voorkeur van de TJILIWONG gebruik gemaakt.
Rede contract. Het transport van goederen naar en van de rede ten behoeve van het Gouvernement had weder naar behoren plaats, en werd de moeilijkheden, waarvan in vorige verslagen herhaaldelijk sprake was, in veel minder mate ondervonden. De lossing van de goederen had geregelder en spoediger plaats, hetgeen voor een goed deel mag worden toegeschreven aan de vrees voor overleggelden, aan de invordering waarvan streng de hand werd gehouden. Ook diefstallen op de prauwen zijn veel minder voorgekomen.
Het rede contract werd op de 10e oktober jl. opnieuw uitbesteed voor de jaren 1882-1884 en aan ons veer toegewezen voor de prijs van 2 NLG per Koijang.
Onze stoomer TJILIWONG vindt in dit contract een voordelig emplooi, terwijl de voorwaarden betrekkelijk overliggelden, berekening van prauwruimte en risico bij het laden en lossen van gouvernementsgoederen veel voordeliger gesteld zijn, en daarbij grotendeels is tegemoet gekomen aan de bezwaren die dezerzijds bij herhaling tegen de oude voorwaarden zijn ingebracht.
Het vervoer van zout en andere goederen naar en van Tjicao heeft in het afgelopen jaar geen enkel bezwaar opgeleverd. Het vervoer op de Tjitarum rivier kon geregeld plaats hebben en werd slechts bij uitzondering door te lage waterstand belemmerd.
De afvoer van koffie bepaalde zich tot plm. 6.000 pikol per maand en had meer kunnen bedragen, indien meer koffie ter verzending was aangeboden. De regeling was zodanig, dat op het einde van elke maand de gouvernementspakhuizen te Tjicao ledig waren.
De opvoer van zout leverde evenmin bezwaren op en had zoveel doenlijk plaats met de prauwen, die koffie hadden aangebracht.
Aangenaam is het ons te kunnen constateren, dat in het afgelopen jaar geen diefstallen hebben plaats gehad en ook geen tekortkomsten van koffie zijn bevonden. Vergoedingen uit dien hoofde zijn ons dan ook niet opgelegd, hetgeen voor een goed deel moet worden toegeschreven aan de doeltreffende maatregelen door de agent te Tjicao genomen.
De vooruitzichten voor het lopende jaar zijn gunstig. Volgens ingewonnen informatiën bleven op ultimo december 1882 nog plm. 37.000 pikols koffie uit de oogst van dat jaar te vervoeren over, terwijl de oogst van 1883, volgens de laatste door de Regering openbaar gemaakte staten, circa 150.000 pikols zal bedragen, waarvan plm. 50.000 over Tjicao.
Op 4 oktober jl. heeft opnieuw de uitbesteding van het Tjicao contract plaats gehad, vanaf 1 juli 1883 tot ult. December 1884 of langer, in verband tot het gereed komen van de staatsspoorweg tot Bandong. Dit contract is opnieuw aan ons veer toegewezen tot 1.17 NLG per picol tegen 1.14 NLG in het afgelopen contract, de definitieve toewijzing had plaats de 14e januari 1883, zodat wij gedurende circa drie maanden omtrent deze inschrijving in het onzekere hebben verkeerd.
De redenen van deze vertraging moeten gezocht worden in de herhaalde pogingen, die door de aannemers van het landtransport in de Preanger in het werk gesteld zijn, om ook het vervoer van Tjicao aan zich te trekken. Onzerzijds zijn daarentegen krachtige vertogen aan de regering gericht, die tenslotte met het gewenste gevolg zijn bekroond.
De verhuur van prauwen aan particulieren heeft ook dit jaar weder minder bedragen dan het voorafgaande jaar. De oorzaak daarvan moet gezocht worden in de steeds toenemende concurrentie. Naast de bestaande drie prauwenveren toch, zijn door particulieren een aantal prauwen in de vaart gebracht die ofschoon niet in het bezit van de certificaten, die in dit opzicht voor onze prauwen worden gevorderd, toch bij voortduring emplooi vinden en wel voornamelijk in het transport van steenkolen.
Aan het einde van ons verslag genaderd, wensen wij alleen nog mede te delen dat de haven van Tandjong Priok genoegzaam is voltooid (met uitzondering nochtans van de accessoires) en dat daarvan in de westmoesson van 1882 door een groot aantal stoomschepen is gebruik gemaakt. Aan het vervoer van goederen naar en van de haven nam ons veer levendig deel. Het vervoer door het Havenkanaal heeft alsnog met vele moeilijkheden te kampen, ten gevolge van de zware stoom die in verschillende richting door het kanaal loopt en niet zelden gevaarlijk is voor prauwen. Om de meerdere risico en grotere onkosten voor het vervoer door het kanaal enigszins te dekken heeft uw directie getracht het prauwloon naar Priok enigszins te verhogen en aan de Bataviaasche Tjuniaveer en de Prauw Maatschappij van het eiland Amsterdam het voorstel gedaan, om in gemeenschappelijk overleg maatregelen te beramen om tot verhoging van het prauwloon te geraken. Genoemde maatschappijen waren echter ongezind tot het door ons beoogde doel mede te werken, zodat voor het vervoer naar Priok het gewone rede tarief van toepassing is gebleven. Intussen is door de ondervonden bezwaren de noodzakelijkheid van de aanschaffing van een krachtiger stoomsleper opnieuw op overtuigende wijze gebleken.
Heren aandeelhouders zullen het ons ten goede houden, dat wij hier niet in uitvoerige bespiegelingen treden aangaande de vooruitzichten van het veer in verband tot de wijze van exploitatie van de haven, hetzij dan, dat die aan particulieren zal worden geconcedeerd, hetzij dat dat beide alternatieven als overbodig los gelaten worden, om zich ertoe te bepalen Tandjong Priok aan het algemeen verkeer en gebruik, onder de naleving van een havenreglement, over te geven. Die zaken zijn in de laatste tijd zo veelvuldig en ook in het openbaar besproken, dat verondersteld mag worden, dat ieder, die bij de prauwenvaart belang heeft, daarmede ten volle bekend is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 28 maart. De toestand van het schip CITY OF ROTTERDAM is nog onveranderd. Van de lading is 10 ton ijzer gelost. Door de hoge zee kon heden niets verricht worden.


30 maart 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 28 maart. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip RESOLUTIE, kapt. Van der Veen, heden van Suriname te Falmouth aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 28 maart. Het Nederlandse tjalkschip FENNECHIENA, groot 66 ton, is voor NLG 1.025 verkocht aan de heer W. de Lorme van Rossem.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Volgens een telegram aan de rederij is het schip BATAVIER, heden van Akyab vertrokken. Equipage en schip bevinden zich in de beste orde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 29 maart. Het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM, van Maryport naar Rotterdam, is gebroken, en kan als verloren beschouwd worden. Van de lading is verder niets gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Het Nederlandse schip TELANAK, kapt. De Vries, gisteren van IJmuiden vertrokken naar Newcastle, is heden wegens tegenwind en uit vrees voor op lager wal te geraken, uit zee terug gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Waterweg, 29 maart. Van het stoomschip CITY OF ROTTERDAM is een gedeelte van de inventaris hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Extract rapport van kapt. A. Weltevreden van de sleepboot ZIERIKZEE op 26 maart 1883.
Des morgens ongeveer 6 uur, ontving bericht: Stoomboot op de strekdam in de N.R. Waterweg.
Dadelijk stoom gestookt; 7 uur naar buiten vertrokken, wind NW, stijve bries met hagel- en sneeuwbuien, weer liet zich zeer slecht aanzien; buiten gekomen, zag ik sleepboot ROTTERDAM, ook van onze sleepdienst, met de reddingsboot van het loodswezen op sleeptouw, trachtende CITY OF ROTTERDAM te bereiken, doch door de hevige zee keerden zij terug.
Er ging zeer sterke ebstroom, met wind NW, dus gunstig om zeilende met de reddingsboot gemelde stoomboot te bereiken, doch de zee was zo woedend, dat de bemanning van de reddingsboot dit onmogelijk oordeelde.
Op de hoogte van de seinpost praaide ROTTERDAM en vernam van de kapitein, dat het hem niet mogelijk was, de equipage van het in nood verkerende stoomschip te redden.
Zonder verdere bespreking liet ik ZIERIKZEE langszijde reddingsboot drijven en na enige besprekingen werd onze tros vastgemaakt.
Wij stoomden rond, zetten koers naar buiten, waren weldra in de branding, zwenkten rond, dreven en stoomden zodanig, dat de reddingsboot langszijde van de CITY OF ROTTERDAM kwam.
Onze tros aan de reddingsboot steeds bevestigd, liet ik bij mij aan boord inhalen en vieren en onze machine liet ik verschillend werken en soms stoppen en hoewel het geruime tijd duurde voor de laatste man van de CITY OF ROTTERDAM in de reddingsboot was, hielden wij deze op onze tros slaags, zodat bij de redding aan haar geen schade werd toegebracht.
Hoe het bij mij aan boord was gesteld, in welk gevaar wij verkeerden is moeilijk te zeggen; ZIERIKZEE werd dwars en dan weer vóór zee geslingerd, zat rondom in de branding en kreeg veel water over; de bemanning moest zich steeds vastklemmen en de lenspompen voortdurend werken, om het overkomende water uit ons schip te verwijderen, doch wij bleven tot allen gered waren, stoomden toen met de reddingsboot naar binnen en sleepten haar tot aan de loodshaven.
Was getekend, A. Weltevreden, G. Dirkzwager Mz.


31 maart 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 30 maart. Volgens telegram uit Londen alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het Nederlandse schip MERAPI, kapt. Prul, 27 maart van IJmuiden naar Soerabaja vertrokken, met zware schade te Duins uit zee teruggekomen, zijnde in aanzeiling geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 29 maart. Het Noorse driemast schoenerschip CHRISTIANE, kapt. Johannesen, van Christiana met hout hier gearriveerd, heeft bij het binnen komen in het Noord Oost-gat gestoten en blijkt een belangrijk lek te hebben bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Papendrecht, 31 maart. voor rekening van de Stoomboot-Reederij Oude Maas te Oud-Beierland is op de werf van de heer Van Reede alhier de kiel gelegd voor een schroefstoomboot, bestemd ten vervoer van reizigers, goederen en vee tussen Rotterdam en Oud-Beierland. De machine, compound-systeem van 40 paardekracht met hoge en lage drukking, wordt mede door de heer Van Reede vervaardigd.


01 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Papendrecht, 31 maart. Het bericht in het tweede blad van heden ochtend, dat op de werf van de heer Van Reede de kiel gelegd zou zijn ener schroefstoomboot voor rekening der Reederij Oude Maas, is minstens zeer voorbarig. Er heeft ten aanzien dezer zaak nog niets anders plaats gehad dan een voorlopige onderhandeling.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 31 maart. Volgens een alhier ontvangen telegram is de Nederlandse bark SURINAME, kapt. Borst, bestemd naar Sunderland, lek te Shields aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Van de Nederlandse schepen JACOBUS ANTHONIE, kapt. G.R. Visser, van Riga naar Amsterdam, 30 november l.l. Elseneur gepasseerd, en de te Veendam te huis behorende galjoot HOOP, kapt. H.D. Douwes, de 10e januari laatstleden van Delfzijl naar Southampton vertrokken, heeft men sedert niets meer vernomen.
(opm: aangevuld met bericht uit PGC 030483)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam. 30 maart. Volgens bij de rederij ontvangen telegram is het schip MERAPI, kapt. Prul, van Amsterdam naar Soerabaja, te Duins met schade uit zee teruggekomen, aangezeild door een onbekend gebleven schoener. De schade aan de MERAPI bestaat, voor zover zichtbaar, hoofdzakelijk uit het volgende: de ijzeren verschansing met stutten en de relings zijn midscheeps ingedrukt, de stuurboordshoek van de grote hut is verbrijzeld, grootwant en pardoen zijn gebroken, het schip is echter dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 30 maart. Het barkschip MERAPI, kapt. Prul, van Amsterdam naar Soerabaija, is in Duins ten anker gekomen. De gezagvoerder rapporteert gisteren avond omstreeks 10 ure op 10 Engelse mijlen ten zuidwesten van Dungeness met harde zuidelijke wind met een onbekend gebleven schoener in aanvaring te zijn geweest, welke hem aan stuurboordzijde bij het grote want aan boord liep en belangrijke schade veroorzaakte. Na de aanzeiling zag hij niets meer van de schoener. De gezagvoerder wacht nu op order van de rederij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Evenals vroegere jaren wordt de WILLEM BARENTS op de werf Concordia van de heren Huygens en Van Gelder te Amsterdam gereed gemaakt voor de aanstaande tocht naar het Noorden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 maart. Heden zijn alhier aangebracht plm. 200 ton ijzer uit het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM. Men gaat voort met bergen.
Later bericht: nog 20 ton ijzer zijn geborgen.


02 april 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. Op of omstreeks de 25e dezer zal door de heren John Pryce & Co. verkocht worden de steamer ENG GOAN, liggende te Batavia.
Informaties bij Fraser, Eaton & Co.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 maart. Volgens een nader bij de rederij ontvangen bericht, passeerde het schip MERAPI, kapt. Prul, donderdagavond 21.00 uur Dungeness met harde bries Zuid ten Westen, voor liggende West Zuid West tot de MERAPI aan stuurboord een schoener zag liggen om de Oost. Plotseling loefde de schoener op, in plaats van recht door te zeilen en liep de MERAPI bij het grootwant aan boord. De schepen geraakten spoedig uit elkaar en de MERAPI bekwam daardoor de reeds door ons gemelde averij.


03 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 30 maart. Heden kwam in deze haven aan de sleepboot BAREND BULSING met een lichtschip, naar Hellevoetsluis bestemd. Het schip is bij de bouwmeester Van Wijk te Pekela gebouwd, komt het laatst van Delfzijl en zal door bovengenoemde sleepboot naar de bestemmingsplaats worden gebracht.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

De resident van Banka bericht, dat het Engelse barkschip PALESTINA, kapt. E. Beard, beladen met steenkolen en bestemd voor Bangkok, tussen het derde punt van de kust van Palembang en het rif Brom-Brom door brand totaal is vernield. De bemanning, bestaande uit 13 personen, is evenwel gered. Een door de resident uitgezonden kruisboot met het doel om te onderzoeken of het wrak van even genoemd vaartuig gevaarlijk lag voor de scheepvaart, keerde onverrichterzake terug, zodat vermoed werd, dat het schip gezonken dan wel weggedreven is. Intussen is door de resident een nader onderzoek bevolen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningse vissers beklagen zich, dat tal van Engelse vaartuigen de laatste dagen op onze kusten vissen. Zij beweren dat de Engelse vissers met hun trawl de netten beschadigen, en dat zij zich daarom niet in hun nabijheid durven wagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 april. Volgens een alhier ontvangen telegram is het schip CERES, kapt. Boompaal, van Dordrecht, heden te Leith aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam, gehouden de 2e april 1883:
- het barkschip STAD LEIDEN is verkocht voor NLG 10.800.
- het barkschip SURINAME is opgehouden voor NLG 5.800.


  AH - Algemeen Handelsblad

De handel van Rotterdam.
Aan het verslag der Kamer van Koophandel en Fabrieken te Rotterdam over 1882 is het volgende ontleend:
Het afgelopen jaar was hier, evenals overal, niet winstgevend voor de groothandel. De prijzen van stapelartikelen zoals koffie, granen en suiker, waren gradueel achteruit gaande. Voor importeurs was dat jaar dus ongunstig. Maar het verkeer, het transport van goederen, was in onze stad groter dan vroeger. Gelijk dit in de meeste grote plaatsen het geval is, ondervindt men ook hier, dat de consumenten en afnemers in het binnen- en buitenland steeds, meer in directe verbinding met de plaatsen van productie komen. De rol van zuivere “importeurs” valt steeds meer weg in de zeeplaatsen; de importhuizen krijgen of de goederen in consignatie of trachten ladingen in handen te krijgen, om die bij gedeelten te verkopen, vóór aankomst, aan de verschillende afnemers in het binnen- en buitenland.
Gelukkig dat onze stad door haar ligging en door de energiën van hen, die met de handel en de scheepvaart in betrekking staan, zich blijft handhaven als belangrijke plaats van aanvoer en uitvoer der goederen. Enige cijfers mogen dit bewijzen.
De invoer in het gehele rijk, met uitzondering van kalk,
steenkolen en steen, was in 1881 5.860.187.940 kg.
de invoer in Rotterdam 2.268.292.511 kg.
Rotterdam had dus circa 40 procent van het gehele land.
Uit onderstaande staat blijkt dat onze haven, vergeleken met andere havens, een belangrijke plaats inneemt.
Inklaringen in 1881:
Aantal schepen tonnen
Londen 49.718 10.355.947
Liverpool 16.824 7.414,760
Cardiff 12.380 3.998.704
Glasgow 7.625 2.312.201
Hull 4.322 1.738.554
Hamburg 5.975 2.805.605
Antwerpen 3.596 2.821.146
Amsterdam 1.609 1.002.436
Rotterdam 3.673 2.283.412
De inklaringen te Rotterdam waren:
In 1882, 4.046 schepen, 2.665.541 tonnen.
In 1881, 3.673 schepen, 2.283.412 tonnen.
De toename was dus in 1882, vergeleken met 1881, 382.128 tonnen of circa 17 %.
Te Hamburg waren de cijfers:
In 1882: 6.189 schepen, 3.030.909 tonnen.
In 1881: 5.976 schepen, 2.805.605 tonnen.
Toename 225.304 tonnen of circa 8 %.
Te Antwerpen was dit:
In 1882: 3.879 schepen, 3.351.954 tonnen.
In 1881: 3.596 schepen, 2.821.146 tonnen.
Toename 530.808 tonnen of ruim 18 %.
Te Amsterdam (de tonnenmaat van 1882 hebben wij niet kunnen vernemen)
1881: 1.667 schepen.
1881: 1.609 schepen.
Toename 58 schepen of circa 4 %.
Het aandeel van Rotterdam in de scheepvaart van het gehele land was in
Schepen scheepsruimte
1850 28 % 35.76 %
1881 42,5 % 49 %
De toename in het scheepvaartverkeer te Rotterdam is bijna uitsluitende in de vaart op Europese havens. De reden hiervan ligt in onze toegangen naar zee, die het voor grote schepen kostbaar en omslachtig maken hier te komen. Die grotere schepen moeten langs Brouwershaven of Helvoet varen. De Nieuwe Waterweg heeft nog geen diepte genoeg voor die trans-Atlantische schepen, die 55 en meer decimeter diep gaan. Toch bewijst de waterweg ons uitnemende diensten. Gemiddeld komen, alleen van Engeland, dagelijks hier 5 stoomboten binnen. De meeste van die stoomboten moeten in ongelofelijk korte tijd lossen en laden; de lage vrachten zijn alleen mogelijk, wanneer het schip in korte tijd verscheidene reizen kan doen. Moesten die stoomboten via Helvoet de reis doen, dan zou de reis heen en weer zeker met een dag verlengd worden, en zouden door de langere duur der reis de vrachten hoger moeten zijn. En zodra de vrachten hoger worden, wordt de concurrentie met naburige havens moeilijker. Dat oponthoud langs de weg van Helvoet kan somtijds nog vele groter zijn, als er een grote toevloed van schepen is. Dikwijls gebeurt het, dat er op één dag langs de Nieuwe Waterweg meer dan 20 schepen in-, en even zoveel schepen uitvaren; eens voeren er 31 schepen in, en 29 schepen uit; alles, behalve de vissersschepen. Alleen het oponthoud in de sluizen van het Voornsche Kanaal, dat men, naar Helvoet gaande, moet passeren, zou het opkomen van zoveel schepen onmogelijk maken.
Gemiddeld kwamen dagelijks aan in 1882:
Te Rotterdam 11 schepen.
Te Antwerpen ruim 11 schepen.
Te Hamburg 17 schepen.
Te Amsterdam 4 à 5 schepen.
Om enig denkbeeld te geven van het scheepvaartverkeer in onze stad, diene het volgende:
Volgens een berekening, waarvan de bijzonderheden zijn vermeld aan het eind van dit verslag (zie pag. 52) kwamen, behalve de zeeschepen, in ’t vorig jaar hier aan 123.041 rivierschepen. Daaronder zijn opgenomen de stoom- en zeilschepen, die uit het binnenland en van de Rijn en uit België kwamen, doch alleen voor zover zijn groter zijn dan 10 ton. Buitenrekening zijn gelaten schuiten of kleine scheepjes.
In ’t geheel kwamen in onze gemeente aan in 1882:
Rivierschepen 123.041
Zeeschepen 4.046
Totaal schepen 127.087
Of gemiddeld daags circa 350 schepen.
Het verkeer tussen Rotterdam en Duitsland langs de Rijn en omgekeerd, is in 1881 15½ % toegenomen, wat de hoeveelheid goederen betreft Dat van Amsterdam is ruim 14 % gedaald en bedroeg in 1881 slechts 9 % van dat van Rotterdam, terwijl de Belgische handel met Duitsland in 1881 met 44½ % vooruitging.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 30 maart. Het Nederlandse schip ZEEHOND, kapt. L.C. Cupido, van Amsterdam alhier aangekomen, neemt de lading over van het afgekeurde schip VERTROUWEN van Kroonstad naar Schiedam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 april. Volgens een alhier ontvangen telegram is te Osterrisoer aangekomen het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Lodewijks, van Delfzijl.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 30 maart. Het Nederlandse schip IJSTROOM, van Pitea naar Barcelona, zal men trachten uit de hand te verkopen. Het Zweedse barkschip AUGUSTA is bezig de lading over te nemen om deze naar de bestemming te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 31 maart. Heden zijn alhier nog aangebracht circa 70 ton ijzer, een anker en een ketting en enige inventaris van het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM.


04 april 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Wij ontvingen het verslag van het Bataviaasch Prauwenveer over 1882. Omtrent het verkeer met de nieuwe haven meldt het verslag:
Aan het vervoer van goederen naar en van de haven, nam ons veer levendig deel. Het vervoer door het Havenkanaal heeft alsnog met veel moeilijkheden te kampen, ten gevolge van de zware stroom, die in verschillende richting door het kanaal loopt, en niet zelden gevaarlijk is voor prauwen. Intussen is door de ondervonden bezwaren de noodzakelijkheid van de aanschaffing van een krachtiger stoomsleper opnieuw op overtuigende wijze gebleken.
Het vervoer hierheen van een nieuwe stomer voor de dienst in het havenkanaal en de haven van Tandjong Priok die voor 24.000 NLG gemaakt is in de Koninklijke Fabriek te Amsterdam en per st. FELLINGER wordt uitgezonden, zal NLG 1.524.880 kosten, of bijna 2/3 van de waarde van de boot.
Omtrent de koffieaanvoer uit de Preanger over Tjicao, leest men dat die 74.666 pikol heeft bedragen, waarvan 3/5 uit de oogst van 1882. Voor 1883 blijft van de oogst van 1881 niets meer, van die van 1882 nog 37.000 pikols te vervoeren over.
Dat het dividend van het Bataviasch Prauwenveer over 1882 op 22 % of NLG 154 per aandeel is gesteld, meldden wij reeds.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Papendrecht, 3 april. Gisteren werd van de werf van Gebr. van Duijvendijk alhier met goed gevolg te water gelaten een ijzeren paviljoentjalk, groot 50 last, voor rekening van schipper D. Hoogevorst te Utrecht. Dit is het eerste ijzeren schip, aan deze werf gebouwd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 2 april. De Zweedse brik ABSOLUT VETO, zal eerstkomende woensdag langs het Groot Noord-Hollandsch Kanaal naar Amsterdam vertrekken, zijnde door een huis aldaar aangekocht om het weder in de vaart te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 2 april. Heden is alhier nog aangebracht 40 ton ijzer uit het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Philadelphia, (geen datum), per telegram. Het schip IRIS van Amsterdam is hier met verlies van zeilen aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 februari. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG, kapt. P. van der Bos vertrekt naar Rangoon.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 februari. Het schip THORBECKE III heeft de lading gelost en er zijn ongeveer 5.000 balen rijst en koffie zwaar beschadigd. De beschadigde lading zal in publieke veiling worden verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Scheveningen meldt men ons, dat reeds verschillende schuiten hun netten en touwwerk verloren aan het wrak van de ADDER, daar de boeien, die op dat wrak geplaatst waren, niet meer zijn te zien en vermoedelijk zijn weggeslagen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 2 april. Het stoomschip VOORWAARTS, kapt. Adriani, van Batavia naar Amsterdam, passeerde 31 maart Malta en arriveerde heden te Marseille.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 30 maart. Het schip YSTROOM, van Pitea naar Barcelona, hier met schade binnen, zal men trachten het uit de hand te verkopen. Het Zweedse barkschip AUGUSTA is bezig de lading over te nemen om dezelve naar de destinatieplaats te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 2 april. Het barkschip STAD LEIJDEN, groot 372 tons, gebouwd in 1854, heden in publieke veiling te Amsterdam verkocht, is aangekocht door de firma Hubert Jans en Co., alhier en zal worden bevaren door kapt. Fluchmacher.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Rotterdam, 22 februari. Een “hoezee” uit honderden kelen daverde gistermiddag tot ongeveer half vier langs de boorden van de Maas, bij het te water laten van het ijzeren barkschip LOTOS, dat op de werf van de weduwe J. Smit Fzn. te Slikkerveer door de scheepsbouwmeesters Bothof en Gravestein voor rekening van de heren Koning en Van Delden was gebouwd. Een “hoezee” voor de bouwmeesters, wier werk daar zo vlot van stapel liep, maar niet minder voor de Nederlandse scheepsbouwkunst, eenmaal de eerste in Europa, altijd nog een eerste rang bekledende.
Was het wonder, dat we instemden met dien juichkreet welke een belofte voor de toekomst scheen in te houden? De stoom schijnt de wind zijn adem te ontnemen, tot de zeilen slap hangen langs de masten van onze schepen, die in de dokken liggen te verteren zonder vracht, zonder hoop, zonder winsten af te werpen voor hun reders; de concurrentie is niet vol te houden luidt de klacht; de zeilschepen hebben afgedaan en ... zie daar een ondernemende rederij, die een geheel nieuw schip van stapel laat lopen en met de beste verwachtingen in de vaart brengt.
Zij die verwachtingen wel gegrond? Enige maanden geleden gaven we, als bewijs hoe in het buitenland vele rederijen met haar zeilschepen uitmuntende zaken maken, een opgaaf van de winsten, die enkele Duitse rederijen nog weten te behalen; voor sommigen bedroegen die winsten tot 25 % netto in het jaar; maar om dat cijfer te behalen is ondernemingsgeest, energie, wakkerheid en vlijt nodig. Een rederij, die steeds op haar hoede is, waar vrachten voor haar te maken zijn, moet – ook al is zij een Nederlandse – nog in die winsten kunnen delen. Hopen wij dat het de rederij van de heren Koning en Van Delden moet haar LOTOS gegeven zal zijn de waarheid daarvan te bewijzen.
Zelden zagen wij ranker, sierlijker vaartuig dan de LOTOS, zoals ze zich daar bij onze aankomst te Slikkerveer reeds op de werf vertoonde. De firma Smit had voor het tochtje daarheen de [ .... ] die vrolijk met vlaggen en wimpels versierd, te ruim twee uren bij ’t Oude Hoofd alhier van wal stak met een honderdtal genodigden, dames en heren aan boord, om te Slikkerveer het altijd belangwekkende schouwspel bij te wonen.
Een fris windje streelde de wangen, stoeide met de lokken en dreigde bij wijlen de hoeden een kleine luchtvaart te doen ondernemen, maar slaagde er bij het merendeel van de dames toch niet in, om ze te verdrijven van het dek, dat zelden een vrolijker, opgewekter gezelschap stroomopwaarts zal hebben gedragen. In een half uurtje was het tochtje afgelegd, de laatste toebereidselen werden gemaakt en nauwelijks dreunde de slag, die ’t laatste beletsel moest wegnemen, of de LOTOS zette zich in beweging, gleed langzaam en gelijkmatig de stroom in en dook met haar kop in de golven, als maakte zij haar compliment aan de talloze werklieden, die haar in ’t leven hadden geroepen en haar met daverend gejuich nastaarden.
Het fraaie schip dat een lengte heeft van 50 meter, bij een breedte van 10.90 meter, en een holte van 7 meter, meet +/- 900 registertonnen en is een meesterstuk van de werf, die reeds zovele grote schepen van stapel deed lopen, maar in de LOTOS haar eerste ijzeren schip afleverde; en alle aanwezigen verenigden zich in de wens aan de reders, dat de LOTOS al haar reizen zo gelukkig en voorspoedig mocht volbrengen, als deze eerste kennismaking met haar element, waarboven zij zich thans zo sierlijk verheft als de bevallige bloem, welker naam zij draagt.
Over een kleine drie weken krijgen we het schip aan de Boompjes voor de wal om bevracht te worden naar Indië.


05 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 28 februari. Het schip THORBECKE III, kapt. J. Appel, heeft de lading gelost; ongeveer 5.000 balen rijst en koffie zijn zwaar beschadigd. Zij zullen in publieke veiling verkocht worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Heden is op de werf De Nachtegaal van de heer J.F. Meursing de kiel gelegd van een composite clipper barkschip, dat de naam zal dragen van NACHTEGAAL, groot ongeveer 1.000 gemeten tonnen en van dezelfde afmetingen en constructie als de TJERIMAÏ.
Verder werd op dezelfde werf nog de kiel gelegd van een ijzeren graanlichter.


  AH - Algemeen Handelsblad

IJmuiden, 4 april. Het Nederlandse schip MERAPI, kapt. Prul, van Amsterdam naar Soerabaja, met schade door aanzeiling te Duins terug uit zee, is heden van daar alhier binnengebracht door de Engelse sleepboot CAMBRIAN.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 april. Het Nederlandse barkschip SURINAME, groot 332 ton nieuwe meting, gebouwd in 1840, dat gisteren in publieke veiling op NLG 5.800 is opgehouden, is na afloop der veiling door de makelaar H. Tollenaar uit de hand verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de nabijheid van Hindeloopen is een tjalkschip gezonken, naar men zegt ten gevolge van het stoten op het wrak van het in het begin van de vorige maand aldaar gestrande vaartuig HENDRIKA. Het volk werd gered en de tuigage gedeeltelijk geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newcastle, het Nederlandse schip SURINAME, door een sleepboot te Sunderland binnen gesleept, werd door een Grimsby-vissersboot op sleeptouw genomen in positie Spurnpoint West Noord West, op 65 mijl afstand. Het woei zeer hard uit het Zuidwesten, bij een hoge zee. Het schip was zwaar lek en had veel water in het ruim ten gevolge van veel storm op de overtocht van Nederland naar Sunderland met een lading stro. Nadat de vissmak het schip op sleeptouw had, nam het lek zo toe, dat men dacht dat het elk ogenblik zinken zou, en werd toen de boot van de smak te water gelaten, die de vrouw en drie kinderen van de kapitein aan boord bracht van de vissmak. Bij Sunderland kwam er gelukkig een sleepboot uit, die de SURINAME in de Tyne sleepte.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 2 april. De Nederlandse schoener ALBATROS, kapt. Lupkes, werd van hier naar New York bevracht voor droge huiden, te laden in verhouding van 40 shilling per ton gedroogde huiden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 4 april. Het Nederlandse schip ALBERTUS BLINK, kapt. Freese, van Frederikstad naar Greenock, is volgens een telegram van 3 dezer vol water en met schoon dek te Stavanger binnen. Drie van de equipage zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 april. Door de firma Hubert Jans & Co. is van de heren Craandijk en Dercksen te Amsterdam gekocht het Nederlandse barkschip STAD LEIDEN. Het zal bevaren worden door kapt. Fluchmacher. (opm: vaartuig wordt verdoopt in HARLINGEN)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 3 april. Het Nederlandse schip WILLEM, kapt. Visser, van Dundee, laatst van Granton, met kolen naar Memel, is op zee verlaten. Het volk is gered.


06 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lemmer, 3 april. Nabij Hindelopen is, naar men denkt ten gevolge van het stoten op het wrak van het voor enigen tijd daar gestrande vaartuig HENDRIKA, een met aardappelmeel geladen tjalkschip gezonken. Het volk is gered en het tuig grotendeels geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 april. Volgens telegram uit Londen, is het schip ARNOLDINA MARIE, naar IJsland bestemd, met zware schade te Lerwick binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 3 april. Het Harlinger schoenerbrikschip WILLEM, kapt. K.R. Visser, van Dundee laatst van Granton met kolen naar Memel, is op zee door het volk verlaten, dat gered is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 4 april. Het Groninger brikschip ALBERTUS BLINK, kapt. H. Freese, van Frederikstad naar Greenock, is volgens telegram d.d. 3 april dezer, vol water en met schoon dek te Stavanger binnen, drie man der equipage zijn gekwetst.


  AH - Algemeen Handelsblad

Londen, 5 april. Van het schip HENR. WILHELMINA, kapt. Prohn, 11 januari van Alloa naar Plymouth vertrokken, heeft men sedert nog niets vernomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Newcastle, 3 april. Het Nederlandse barkschip SURINAME, kapt. Borst, van Delfzijl naar Sunderland, alhier lek binnengesleept, was op zee door een te Grimsby te huis behorende vissmak op sleeptouw genomen, waarvan de kapitein rapporteert, dat zij woensdagmiddag ca. 3 uur vissende, op de westkant van Doggersbank Spurnpoint peilende W.N.W. 65 mijlen afstand, een bark zagen die noodsignalen toonde, waarop zij onmiddellijk ter hulp snelden. Het woei hard uit het Z.W. met hoge zeeën. Men bevond dat de bark zwaar lek was en veel water in het ruim had, het schip was op reis van een Nederlandse haven naar Sunderland met een lading stro. De smak nam het schip op sleeptouw maar het water nam zodanig toe, dat men te middernacht vreesde dat het spoedig zinken zou, waarop de smak zijn boot te water liet en de vrouw en drie kinderen van de kapitein van de bark op de vissmak overbracht. Dwars van Sunderland, kwam een sleepboot uit die haven die het schip op de Tyne bracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lerwick, 3 april. De equipage van het Nederlandse schip WILLEM, kapt. Visser, is 31 maart te Skervies aangebracht. Het schip werd die zelfde dag op 59º NB 2º OL verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 2 april. Het alhier afgekeurde Nederlandse schip IJSTROOM is uit de hand naar Kopenhagen verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan de Lek, 5 april. Volgens bij de rederij ontvangen telegram is het schip LICHTSTRAAL, kapt. Van de Vegt, de 4e dezer van Batavia naar Amsterdam vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 april. Op de werf de Nachtegaal van de scheepsbouwmeester Jan. F. Meursing alhier, is de kiel gelegd voor een composite klipperbarkschip van ongeveer 1.300 gemeten tonnen voor een rederij onder boekhouderschap van de bouwmeester en dat genaamd zal worden NACHTEGAAL.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 4 april. Uit het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM zijn heden weer ongeveer 65 ton ijzer en enige inventaris aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Campeche, 12 maart. De Nederlandse bark KORTENAER, kapt. Datema, van Schiedam naar Pensacola in ballast, is 18 mijl benden deze haven nabij Seybaplaya gestrand. Enige geborgen provisie, benevens de romp en inventaris, zoals die daar liggen, zijn particulier verkocht voor 1.000 pesos, rechten en bergloon ten laste van de koper.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De WILLEM BARENTS is gisteren namiddag, na nagezien en gerepareerd te zijn aan de werf van de heren Huijgens en Van Gelder, weer in het Marinedok te Amsterdam gearriveerd om verder uitgerust te worden voor de zesde tocht naar het Noorden.


07 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 4 april. Het op de Zuiderzee, bij Hindelopen, gezonken vaartuig is genaamd ANNEGINA, schipper Jan Spinder en hoort te huis te Groningen. De lading, waarvan veel te Hindelopen en Workum is geborgen, bestaande uit zakken aardappelmeel, bestemd voor Antwerpen en komende van Veendam. (opm. zie PGC 060483)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 5 april. Gedurende het eerste kwartaal van dit jaar zijn in onze haven binnengekomen 17 zee- en 56 riviervaartuigen, vandaar vertrokken 75 zee- en 60 riviervaartuigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 5 april. Van de werf der heren C. en J. von Lindern, scheepsbouwmeesters alhier, werd heden met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip HENRI, groot ongeveer 320 last, gebouwd voor rekening van de heer H.E. Daverveldt te Bergen op Zoom. Op dezelfde werf werden kielen gelegd voor de raderstoomboot ZIERIKZEE, te bouwen voor rekening van de Zierikseesche Stoomboot-Maatschappij en bestemd tot het vervoer van passagiers, goederen en vee tussen Zierikzee en Rotterdam, en van twee ijzeren brugschepen ten dienst der schipbruggen te Arnhem en te Westervoort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 6 april. Volgens een ontvangen telegram is het Nederlandse schip MARIE EN ANTOINETTE de 5e dezer van Philadelphia te Fiume aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 5 april. Het Nederlands schip ALBERTUS BLINK, kapt. Freese, van Frederikstad naar Greenock, met zware schade te Stavanger binnen, zal vermoedelijk worden afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 6 april. Uit het gestrande schip CITY OF ROTTERDAM is gisteren nog 50 ton ijzer geborgen. De hoge zee belet heden de werkzaamheden voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens telegram van Malta is het stoomschip BURGEMEESTER DEN TEX, kapt. J.F. Graadt van Roggen, van Amsterdam naar Java, de 5e april ten 4 ure namiddags te Malta binnengesleept door het Engelse stoomschip STORRA LEE, hebbende de vorige dag de schroefas gebroken. Het schip behoeft vermoedelijk niet te dokken. De reparatie kan vrij spoedig geschieden. (opm: zie ook SH 090483)


08 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 april. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is gisteren het alhier thuisbehorende schip HENNING, kapt. Berg, bij Ramsgate gestrand. De equipage is door de reddingboot gered. Het schip is wrak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 6 april. Van de werf der Gebr. Jonker, scheepsbouwmeesters alhier, is met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnzeilschip AMPHITRITE, voor rekening van de heer W. van Lith te Dordrecht.
Daarna werd de kiel gelegd van een Rijnsleepschip, genaamd MADONNA, voor rekening van de heer August Bütefür.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen 5 april. Het in oktober bij Borssele gestrande en sedert in publieke veiling verkochte Spaanse schip AUGUSTINA, kapt. Urru Urrutubeasso, van Antwerpen naar Bordeaux, is heden afgesleept en in de Pottenkaai gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 6 april. Door de reddingboot van deze plaats werd gered kapt. Berg en de equipage van het te Harlingen te huis behorende barkschip HENNING, van Frederikstad naar Poole met planken bestemd, heden alhier gestrand. De fokke- en grote mast zijn overboord. Het schip zal vermoedelijk wrak worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Het Nederlandse schip MERAPI, kapt. Prul, alhier met schade uit zee terug, moet gedeeltelijk lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Het Nederlandse schip SLANGEVECHT, kapt. Bakker, van hier naar Macassar, heeft volgens een brief van de kapitein tussen 30º en 40º NB dagen achtereen hevige stormen uit het NO tot NW doorgestaan, doch hield zich lenzende voor het groot-ondermarszeil uitstekend goed; de pomp sloeg steeds lens. De 17de maart woei het zo hard, dat de kapitein het voor een orkaan hield. ’s Nachts om 24.00 uur was het schip nog goed dicht, doch om 01.00 uur de pomp weer aanzettende, bemerkte men dat het veel water maakte, zodat voortdurend gepompt moest worden. Tot op de hoogte van Madeira hield de storm met meer en minder hevigheid aan en werd besloten daar als noodhaven binnen te lopen. Experts door de consul benoemd hebben bevolen de lading te lossen totdat het lek gevonden is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Het Nederlandse schip TRIËST, groot 208 ton, gebouwd in 1874, is uit de hand verkocht aan de heren F. Smelt en Zoon alhier. Het schip wordt nu MARIE genoemd en zal worden bevaren door kapt. C. Ouwehand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 6 april. Het op Goodwin Sands gestrande schip HENNING, kapt. Berg, zal vermoedelijk afgebracht kunnen worden. Twee masten zijn overboord gekapt. De bergers zullen hedenavond pogen het af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 24 maart. Het stoomschip ROTTERDAM was heden op 45 Engelse mijlen van Sandy Hook (nabij New York) in aanvaring met de loodsboot Columbia No. 8 waardoor enige schade aan de verschansing en het grootzeil van het loodsvaartuig werd veroorzaakt. De Columbia wordt herwaarts gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 7 april. Wij waren bij prachtig lenteweder ooggetuigen van het te water laten van het ijzeren schroefstoomschip BATAVIA, heden namiddag ten 3 ure, van der werf der Koninklijke Maatschappij De Schelde alhier. Dit schip wordt aangebouwd voor rekening van de heren Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam, en is bestemd voor de vaart tussen Nederland en onze koloniën in Nederlands-Indië. Het kolossale gevaarte heeft een lengte over het dek van 310, een breedte van 37 en een holte van 27 Engelse voet, terwijl het een ruimte meet van plus/minus 2.300 registerton. Het heeft drie dekken, terwijl op het bovendek een teakhouten hut is geplaatst, met ruimte voor 38 passagiers eerste klasse. Onder de bak is verblijf van 16 passagiers 2de klasse, hofmeester en bootsman. Onder de brug zijn de verblijven der scheepsofficieren.
Het schip heeft de hoogste klasse van en is gebouwd volgens Lloyds Rules A1 100 Special Survey, alsmede van de Vereeniging voor Nederlandsche Assuradeuren.
De diepgang onder stoom met waterballast is 13 voet, met 3.000 ton gewicht geladen, 22 voet. Het schip is getuigd als brik en heeft twee stalen masten.
Aan alle vereisten van comfort en gemak, die tegenwoordig aan de oceaanstomers werden gesteld, zal in de ruimste mate worden voldaan.
Het schip wordt voorzien van een schroefstoommachine ad 240 nominale paardenkrachten van compound-systeem met oppervlakte condensor. De schroef is vierbladig met verstelbare spoed. De twee cilindervormige stoomketels zullen in 8 vuurhaarden, voor en achter gestookt, met Prideaux’s vuurdeuren voorzien worden. Voorts zullen de nieuwste inrichtingen op het gebied van lieren, pompen, distilleermachines, stuurtoestel enz., worden aangebracht.
Het schip is gebouwd binnen negen maanden na het leggen van de kiel en zal binnen drie maanden geheel worden afgeleverd.
Vele belangstellenden, doch voornamelijk de deskundigen van een groot deel van Nederland, interesseerde dit aflopen in het bijzonder, omdat het plaats had op een gehele verschillende wijze als dit gewoonlijk op de particuliere werven in ons land geschiedt, namelijk op een wieg (cradle), waarbij, in afwijking van het gewone aflopen, het schip niet op de kiel, doch op de beide zijden loopt. Deze inrichting is veel kostbaarder dan de vroegere manier, doch geeft het voordeel van meerdere zekerheid, omdat het wrijvingsoppervlak zich over de twee zijden verdeelt.
Het schip werd te water gelaten door mejuffrouw C.J. Buteux, oudste dochter van de Heer J.P.I. Buteux, lid van Gedeputeerde Staten der provincie Zeeland, woonachtig te Middelburg, en commissaris der Koninklijke Maatschappij De Schelde. Aan de voorsteven was de tribune opgericht, waarop zich met enkele genodigden de jonge dame bevond, die van het gevaarte de laatste hinderpaal deed wegvallen, om het voor haar voeten naar het ruime sop te zien voortslieren.
Onmiddellijk werden na de afloop de aanstalten gemaakt voor het leggen van de kiel van een zusterschip, en werd onder luid gejuich der talrijke menigte het naambord SOERABAJA opgericht, om op dezelfde plaats en voor dezelfde rederij te worden gebouwd, en nog voor het einde van dit jaar te worden afgeleverd.
Na afloop der plechtigheid verenigden zich de eigenaren van het schip met de directie en commissarissen der Maatschappij met hun dames in de vergaderzaal, om elkander met de goede afloop geluk te wensen, bij welke gelegenheid aan de jonge dame door de directeur een etui, inhoudende de gebeeldhouwde hamer, werd aangeboden, waarmede zij de laatste beletsels voor het te water gaan had doorgehakt. Door de heer Buteux werd aan al de werklieden, 700 in getal, een verrassing aangeboden.
Onder de duizenden toeschouwers waren, behalve de eigenaren, de heren Wm. Ruys & Zonen, verschillende autoriteiten, als de Commissaris des Konings in de provincie Zeeland, de leden van Provinciale en Gedeputeerde Staten, de Gemeenteraden en Kamers van Koophandel van Middelburg en Vlissingen en vele anderen, te veel om te noemen.
Wat eindelijk bovendien, behalve de plechtigheid van het aflopen, in hoge mate belangstelling inboezemde, zijn de grootse inrichtingen voor scheepsbouw, machinefabriek en ketelmakerij, welke na het afbranden der oude fabriek in betrekkelijk korte tijd verrezen zijn. In die kolossale werkplaatsen zag men machines en stoomketels voor het heden afgelopen schip in bewerking en ongeveer geheel gereed staan, alsmede andere machinedelen op verschillende draai- en schaafbanken voor andere grote stoommachines in behandeling.


09 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 8 april. Bij Dungeness is van loods voorzien het Nederlandse fregat OTTOLINA, kapt. Ouwehand, van Java naar Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lerwick, 4 april. De logger WILHELMINA, kapt. Noltee, van Maassluis naar IJsland, is hier binnen gelopen om geleden schade te herstellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Volgens particulier bericht lag het Nederlandse schip WUBKE JOHANNA, kapt. R. Vaget, van hier naar Riga, de 3e december laatstleden van Bremerhaven vertrokken, in de afgelopen week nog op de Wezer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 5 april. Door de stoomboot LEEUWARDEN, van de Zuiderzee Stoombootmaatschappij, werd hier aangebracht een roer met helmstok, waarop met vergulde letters, W.L. Braam 1867.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

De firma Daendels & Co. had de vriendelijkheid ons een telegram mede te delen van de navolgende inhoud:
INSULINDE, thans BURGEMEESTER, is met gebroken schroefas (bij Kaap Bona [opm: Cap Bon]) de 5e april te Malta aangekomen. Alles wel aan boord; reparaties zullen denkelijk over drie weken geëindigd zijn.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Bodemerij. Met toestemming van de Vice Consul van Frankrijk te Soerabaja, wordt bodemerij gevraagd tot een bedrag van plm. NLG 28.500 onder verband van casco, tuig- en inventaris, benevens uit 1.250 ton Cardiff kolen bestaande lading van het Franse schip AUGUSTE, kapt. J. le Beton, voor de reis van Soerabaja naar Hongkong.
Het schip metende 858 ton is gebouwd te Bremen in 1870, nieuw gekoperd in 1881, pas te Soerabaja kapitaal gerepareerd en bij Lloyds geclassificeerd al voor zeven jaren. Inschrijvingsbiljetten worden ingewacht tot 16 april 1883 om 12 uur bij de notaris Snouck Hurgronje, te Soerabaja, bij wie inlichtingen te bekomen zijn.


10 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In het Koninginnedok der Amsterdamsche Droogdok Maatschappij werden gedurende 1882 gedokt 112 schepen, tegen 91 in 1881. Na voldoende afschrijvingen op materieel en voor het reparatiefonds, kon NLG 90,80 per aandeel van NLG 1.000 worden uitgekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 april. Het schip ANNA THORMANN, kapt. Vos, van Java te Queenstown aangekomen, heeft volgens particulier bericht order bekomen om te Lissabon te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.F. von Glahn, makelaar te Amsterdam, zal op maandag 16 april 1883, des namiddags ten 3 uur precies, in het verkooplokaal Frascati aldaar, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, in veiling brengen een goed onderhouden en van een sterke machine voorzien zijnde sleepboot, genaamd VELSEN I, lang 9,52 m., wijd 1,56 m., hol 1,08 m., gemeten op 9 ton, met de gehele inventaris, machine van 8 pk, ketel, ankers, kettingen enz. Voormeld vaartuig is liggende in de Amstel bij de Kerkstraat, te Amsterdam en dagelijks te bezichtigen.
Nadere informatiën bij voormelde makelaar, Voorweg 44, bij de Raambarrière, te Amsterdam.


11 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Utrecht, 10 april. De Utrechtse ijzergieterij van A.F. Smulders alhier is op het ogenblik bezig met de vervaardiging van drie kolossale baggermolens, de grootste welke in ons land bestaan. Het eerste dezer gevaarten, welke ieder elf stoomwerktuigen van verschillende afmetingen bezitten (de twee grootste van zestig pk), werd dezer dagen door een sleepboot naar Sliedrecht gevoerd en vond natuurlijk langs onze stad veel bekijks.
De drie molens zijn bestemd voor de bekende aannemers Volker en Bos te Sliedrecht, die ze onder de namen BOULOGNE II, III en IV te Boulogne zullen aanwenden bij de door hen aangenomen havenwerken aldaar.
Vele belangstellenden maken gebruik van de door de heer Smulders aangeboden gelegenheid om de kolossale machines aan zijn fabriek te bezichtigen. De Utrechtse ijzergieterij, waaraan gedurende een lijdensgeschiedenis van een halve eeuw tonnen gouds zijn verloren, schijnt onder het tegenwoordig energiek beheer meer en meer in bloei toe te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 10 april. Het Nederlandse schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema, van Suriname naar Amsterdam, lek te Martinique binnen, is afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Montevideo, 9 maart. Het Nederlandse schip CORNELIA, kapt. Nanning, is bevracht voor een lading talk, van Paysandu (Uruguay) naar de Oostzee.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 8 april. Enig wrakhout, waaronder latten van het op de Goodwin Sands gestrande barkschip HENNING, kapt. Berg, werd hier in boten aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 10 april. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip PEDRO, kapt. Meinsma, van Harlingen gisteren te Sunderland gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 6 april. Het naar Kopenhagen verkochte Nederlandse schip IJSTROOM zal naar Malmö worden gesleept om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De klachten welke door onze vissers tegen de Engelsen werden geuit, komen in de laatste tijd vaker voor dan ooit. De vorige week nog werden enkelen door een grote vloot, welke zich op korte afstand van de kust ophield, van hun want beroofd. Een en ander schijnt aan de regering aanleiding te hebben gegeven om zich het lot van de vissers aan te trekken, daar het schroefstoomschip BONAIRE aanstaande donderdag of vrijdag ter bescherming naar de Noordzee zal vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoop van het Nederlandse brikschip ALBERTINA AMELIA en een chronometer.
De notaris W. Sijpkens Kijlstra te Harlingen zal op woensdag de 18e april 1883, ’s namiddags precies te 5 uur provisioneel en ’s avonds 8 uur precies finaal, telkens bij Fekkes, in de Korenbeurs te Harlingen, publiek te veilen en verkopen het snelzeilend, in 1879 geheel vertimmerd, gezinkt Nederlands brikschip, ALBERTINA AMELIA genaamd, groot 262,27 tonnen van 2,83 kubieke meter, en zulks met deszelfs volledige inventaris, welke bij biljetten breder is omschreven. Het schip, bevaren door kapt. B. Koudenburg en in 1877 voor 5 jaren geclassificeerd in klasse A bij de Germanischer Lloyd, is met de inventaris, liggende aan de werf De Zwarte Raaf van de heren E.J. Bok & Zn., te Amsterdam, en aldaar dagelijks te bezichtigen
Voorts een chronometer van Barraud, No. 1892, aanwezig en te bezichtigen ten kantore van de heren Bok & Zn. voornoemd.
Biljetten te bekomen ten kantore van voornoemde notaris en informatiën bij de heer C. Kuhlman Jzn., cargadoor te Harlingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 april. Volgens hier ontvangen telegram is het schoenerschip MARIA SINNIGE, kapt. J. Groothuijs, gisteren te Taranto gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 9 april. In de Buitengronden hier is gestrand het Engelse stoomschip EMPIRE, van Bassein met paddy naar Hamburg. De sleepboten ADSISTENT en STAD AMSTERDAM verlenen assistentie. Volgens een bericht uit het Vlie was het stoomschip met hoog water nog niet vlot gekomen.


  JB - Javabode

Advertentie. Op onze toko-vendutie van woensdag de 18e dezer verkopen wij het reeds geannonceerde stoomschip ENG GOAN, groot 102 tonnen.
John Pryce & Co.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 11 april. Van Kraksaän is heden het telegrafisch bericht ontvangen, dat het Russisch schip AGIR, gevoerd door F. Wikander, ter rede aldaar verbrand en met lading gezonken is. De lading bestond uit suiker.


12 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stavanger, 7 april. De Nederlandse brik ALBERTUS BLINK, kapt. Freese, van Frederikstad naar Greenock, met schade hier binnen gelopen, is afgekeurd en zal met de lading publiek worden verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 10 april. Uit het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM is gisteren
nog weer plm. 50 ton ijzer aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 11 april. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is bij Bevesier (opm: Beachy Head) geloodst het schip LAURA, kapt. Koster, van Darien naar Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 maart. Het schip ADELE, welke te Krawang aan de grond heeft gezeten, leed weinig schade, doch zal moeten dokken om nagezien te kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith (Schotland), 10 april. Het Nederlandse schip CONFIANCE, kapt. Grasdijk, van Gotenburg naar Gent, hier in 1882 aangekomen met schade, zit nu in het droogdok om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Martinique, per telegram (geen datum vermeld). Het Nederlandse schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema, van Suriname naar Amsterdam, hier lek binnen gelopen, is afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 10 april. Het Nederlandse barkschip HENNING, kapt. Berg, van Frederikstad naar Poole met planken geladen, hetwelk op de Goodwin Sands aan de grond zat, is heden door bergers afgebracht en met behulp van sleepboten heden namiddag om kwart voor vier in de haven gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 april. Volgens een telegram is het Nederlandse fregatschip MAASNYMPH, kapt. Klinkhamer, van Banjoewangie naar Rotterdam, heden bij Dungeness van loods voorzien. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 april. Het Nederlandse barkschip THORBECKE III, ligt nu te Onrust en wacht om in het gouvernementsdok te worden opgenomen. Er zit nu een oorlogsstoomschip in. Het schip is nog zwaar lek en wordt door de stoompomp lens gehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 9 april. De veiling van het wrak etc., van de alhier liggende UNDINE heeft NLG 610,20 opgebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wildervank, 9 april. Het schip GEERTJE, thans liggende te Hamburg, is aangekocht door de heer H.J. Bekkering te Wildervank voor de som van NLG 4.800.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veere, 8 april. Hedenmorgen is de stoomboot de AREND, slepende een met hout geladen schuit van schipper Van Dijk, bij het uitstomen van het kanaal hier aan de grond gevaren. Het scheepje is daardoor op de boot gelopen en heeft zoveel schade gekregen, dat het, op de lading drijvende, in de nabijheid van deze gemeente op de slikken moest worden gezet. De AREND heeft daarna de reis naar Rotterdam vervolgd.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Batavia, 6 april. Naar wij vernemen heeft Zr.Ms. stoomschip SAMBAS bij de Tijger-eilanden gestoten en zal, na door Zr.Ms. stoomschip BANDA te zijn vervangen, naar Soerabaija opkomen om te dokken.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. De directeur van het Marine Etablissement te Soerabaija maakt bekend, dat op zaterdag de 21e april 1883, des voormiddags ten 9 uur, aan genoemd etablissement zal worden vekocht de voor de dienst afgekeurde oorlogsstomer DELI. Bedoeld vaartuig wordt niet voor afbraak verkocht.
De directeur voornoemd E. de Stuers


13 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stavanger, 7 april. Het Groninger brikschip ALBERTUS BLINK, kapt. H. Freese Jr., van Frederikstad naar Greenock, met zware schade hier binnengelopen, is afgekeurd. Schip en lading zullen in veiling worden verkocht.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Padang, 31 maart. Uit goede bron vernemen wij, dat het in de vaart brengen van particuliere stoomschepen zich niet uitsluitend zal bepalen tot de stomer KONSUL-GENERAAL READ, die tussen hier en Samarang via Benkoelen en Batavia varen zal. Naar men ons verzekert, zal ook spoedig een geregelde stoombootdienst geopend worden tussen Padang, Atjeh, Penang en Singapore via alle Noordelijke havens. Als agent voor de op deze lijn varende stomer zal de Chinees Lim Goan Poat alhier optreden.


14 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 april. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het Nederlandse schip SALATIGA, kapt. Boog, van Joana naar Rotterdam, de 11de dezer bij Startpoint gepraaid door het stoomschip VOORWAARTS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 12 april. Gisteren namiddag is een Nederlandse tjalk gestrand op de Wester- zanden voor de mond van de Harle. Er waren vaartuigen in de nabijheid die assistentie verleenden. Het vaartuig kwam echter niet vlot.


  AH - Algemeen Handelsblad

Door Zr.Ms. stoomschip BONAIRE zal een proef genomen worden met een distilleerinrichting, uitgedacht door de gewezen directeur der fabriek te Soerabaja, voor schepen, die niet van speciale distilleerketels zijn voorzien en van welke inrichting de toepassing reeds de navolgende voordelen heeft aangetoond: 1. Dat in plaats van met ketelwater, dat steeds onzuiver is door vetdelen, uit zuiver zeewater drinkwater kan worden gedistilleerd, zodat stomende met hoge spanning het distilleren zal kunnen plaats hebben, iets wat nu voor inwendig gebruik niet het geval is, en 2. Dat het ketelwater behouden kan worden, waardoor het bijvoegen van koud water - ter vervanging van het verdampte, dat steeds ten nadele voor het behoud van de ketel is - vermeden wordt.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. De aanvrage om bodemerij van het Franse schip AUGUSTE gaat niet door (opm: zie eerder bericht SH 090483)


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 10 april. Het Nederlandse barkschip CASTALIE, kapt. G. Middelbergh, is heden van hier naar Sumanap vertrokken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Dover, 12 maart. Alhier zijn door het stoomschip STANLEY aangebracht de heer J. Kruitz en negen man behorende tot de equipage van het stoomschip ARY SCHEFFER, met stukgoed naar Rotterdam bestemd. Zij rapporteren dat de ARY SCHEFFER hedenmorgen ten 4 ure lek sprong en een uur later zonk Noord Voorland in peiling W. ten Z. op 25 mijlen afstand. Kapt. P. Timmermann, 1e machinist C.F. Wessels, hofmeester J. van Ninn Vege, en matroos Jacob Ruttern verdronken, en anderen redden zich in de boot en kwamen aan boord van de STANLEY.


15 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 13 april. Het schip AGIR is door de brand te Kraksaän geheel vernield. Het was grotendeels beladen naar het Kanaal voor order.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 13 april. Uit het gestrande schip CITY OF ROTTERDAM is heden weer 40 ton ijzer aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 14 april. Heden werd van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. alhier met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip FELICITAS, groot circa 370 last, gebouwd voor rekening van de heer G.J. Andres te Rotterdam. Daarna werd de kiel gelegd voor een dito schip, te bouwen voor rekening van de heer A.J. Brilmayer te Bingen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Carolinerzijl, 12 april. Het Nederlandse tjalkschip REMKE KLEIN, kapt. Dost, van Antwerpen naar Hamburg, is bij Wangerooge gestrand en wrak geworden. Het volk is gered.


16 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping te Krimpen aan den IJssel, ten overstaan van de notaris W. ’t Hooft, te Rotterdam, op woensdag 18 april 1883, des voormiddags ten 10 ure, aan de scheepmakerij van Mej. de Wed. W. Eijkenaar, in de Stormpolder, van de inventaris van een scheepmakerij met smederij, alsmede scheepslichters- gereedschappen, voornamelijk bestaande in: 9 sleden van een dwarshelling, lieren, grondkettingen, ijzeren blokken, houten blokken, vijzels, ponsmachines met knipscharen, boormachines, bankschroeven, een zwaar langs-hellingblok met 10 pokhouten schijven, stang, schalm, spillen en 2 langs-sleden, schragen, vletschuiten, een nieuwe zandaak, ankers enz.
Voorts een grote partij sloophout, brandhout en hetgeen verder ten verkoop zal worden aangeboden. Te bezichtigen 2 dagen vóór en op de dag der verkoping.
Kopen beneden NLG 10,- alsmede alle kosten contant, kopen boven NLG 10,- betaalbaar drie maanden na de verkoop, mits solide borgen stellende.
Nadere informatiën te bekomen ten kantore van voornoemde notaris aan de Nieuwe Haven No. 129 te Rotterdam.
(opm: de helling werd per 1 mei 1883 voor NLG 12.500 aangekocht door Cornelis van der Giessen Azn; vanaf nu werd de scheepsnieuwbouw geconcentreerd op deze werf die de naam ‘De Nijverheid’ kreeg)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 maart. Vrachten. Sedert de uitgifte van het bericht van 28 februari j.l. heeft de markt een grote stap vooruit gedaan op de weg van beterschap. Reeds in genoemd bericht kon men melding maken van een merkbaar vastere stemming. Tot op dat ogenblik waren bevrachtingen tot hogere koersen intussen slechts bij uitzondering voorgekomen en de sprong, die de noteringen in de richting het Kanaal en Australië sedert hebben gedaan, is dan ook vooral met het oog op het jaargetijde zeer belangrijk. De oorzaak is te zoeken in een totale of nagenoeg totale afwezigheid van disponibele scheepsruimte. De statistiek van uitvoer raadplegende was te voorzien, dat eerlang behoefte aan ruimte zou ontstaan en het is te betreuren, dat in de afgelopen maand door sommigen niet genoeg op dit feit is gelet. Arrivementen waren ook gedurende de laatste dagen wederom gering, en daar weinig schepen verwacht worden, is men ook op vreemde plaatsen ter markt geweest. De vloot in de Chinese wateren is echter eveneens zeer gedund, zodat vrees voor grote toevloed van daar niet behoeft te bestaan. Bevrachtingsorders van Singapore, Manilla en Calcutta konden niet worden uitgevoerd. Naar Nederland werd om op Java te laden, niets afgedaan. De aan de markt gestelde partijen producten zijn voorlopig niet voldoende om een schip daarop te kunnen aanleggen. Om te Macassar te laden werd een hier liggend groot schip aangelegd voor 15.000 pikols koffie tot NLG 45, wat met het oog op de afdoening van de GRAAFSTROOM, in ons vorig bericht vermeld, en in aanmerking nemende de overal heersende vastere stemming, niet schitterend is. Naar het Kanaal bedong men, nadat het laatst voor droge suiker GBP 1.17/6 besteed was, GBP 2.10/-. Beneden dit cijfer is nu niet aan te komen en voor handige schepen zou wllicht zelfs meer te maken zijn. Ook voor stroopsuiker, waarvoor het laatst tot GBP 2.-/- werd afgedaan, wordt op GBP 2.10/- gehouden. Naar Amerika slaagde men nog niet een passend schip voor koffie en lichtgoed van Padang te vinden. Naar Australië is, hoewel een afdoening tot flink verhoogde koers plaats vond, nog niet geheel in de behoeften voorzien en houdt de vraag aan. De afdoeningen voor Nederlandse schepen waren: naar Amsterdam AUGUSTE ligt aan te Macassar voor 15.000 pikols koffie; naar Amsterdam stoomschip PRINSES WILHELMINA voor koffie NLG 90, tin NLG 40, huiden NLG 100, indigo NLG 120.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: JOHANNA EN MARGARETHA, JOHANNA, en URANIA, en het stoomschip PRINS FREDERIK.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Carolinensiel, 12 april. De Groninger tjalk REMKE KLEIN, kapt. Dost, van Antwerpen met tarwe naar Hamburg, is op de Westerbanken, voor de mond der Harle, gestrand; het schip is gebroken, de lading doornat.


17 april 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Terschelling, 15 april. De sleepboot ADSISTENT heeft heden een gekanteld gestrand schip voor de haven gesleept. De lading bestaat vermoedelijk uit hout.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Amsterdam, 8 maart. Van de werf De Nachtegaal van de heer Jan F. Meursing is heden van stapel gelopen het composite ‘Meursings systeem’ klipper barkschip TJERIMAI, gebouwd voor rekening van de heren A. Hendrichs & Co.
De afmetingen van de TJERIMAI zijn ongeveer als volgt: lang in de kiel 190, wijd 38, hol 24 Amsterdamse voet, terwijl het schip ter grootte is van ongeveer 1.000 register ton gemeten.
De TJERIMAI is gebouwd volgens het Meursings composite-systeem, waarnaar reeds verscheidene schepen zijn gebouwd, onder andere de BAARN, SMEROE, KERSBERGEN, SLAMAT, MERAPI, enz. Het is een geheel ijzeren schip, en tot de lastlijn voorzien van een houten huid van Amerikaans grenen hout, welke houten huid op de ijzeren is vastgemaakt met hardhouten machinaal gedraaide nagels van bulletriehout, dat een van de hardste West-Indische houtsoorten is. Deze bulletrienagels zijn voorzien van een ijzeren ring, welke ijzeren ring met een loden ring is gebust teneinde het beschadigen van de nagel te voorkomen en tevens het vastzitten en het juist sluiten om de kop van de nagel bevordert. Deze nagels worden van binnen het schip naar buiten geslagen, en van buiten wordt de nagel met een houten keg van hetzelfde harde hout opgesloten. Verder wordt de houten huid op de gewone wijze gekoperd, en deze schepen, behorende onder de voordeligste van de vloot, zijn vlugge zeilers bij een groot draagvermogen, terwijl het Meursings composite systeem heeft bewezen te zijn van grote sterkte en deugdzaamheid bij een minimum van onderhoudskosten.
De TJERIMAI verkrijgt de hoogste klasse bij Veritas en de Nederlandsche Vereeniging van Assuradeuren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het Engels barkschip KATE COVERT, 810 register tonnen, liggende alhier. Verdere informatiën worden gegeven ten kantore van de cargadoors Meijer & Co., alhier.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 16 april. Volgens een brief van kapt. Rab, voerende het Nederlandse schip M.A.C.E. (een afkorting van de naam MARIA ANNA CATHARINA ELISABETH), 18 maart van hier te Suriname aangekomen, had hij gedurende de reis veel slecht weer doorgestaan en o.a. op de 27 januari op 47° NB bij zwaar stormweer een breker overgekregen waardoor de kajuitskap met schijnlicht en kompas, 4 watervaten, de grote boot, 2 ijzeren waterketels en verder alles wat op dek was stuk en overboord sloeg, de binnen- en buitenverschansing met een potdeksel en de ringbouten aan dek afbraken en veel water in het ruim kwam. Ofschoon het schip zwaar had gewerkt was het dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het stoomschip UTRECHT liep, de haven van Vlissingen inkomende, doordat de vaart niet spoedig genoeg verminderde, op twee aan de kaai vast gemeerde loodskotters. Eén kotter verloor de boegspriet en steng, en bekwam schade aan boegspriet en beplanking, de ander werd tot een palm beneden de waterlijn doorsneden. Door de zware stoot liepen de kotters achteruit en kwam er één op de voorsteven van een achter haar liggende sleepboot, waardoor de spiegel verbrijzeld werd. Hierdoor raakte een matroos in de klem en werd zwaar inwendig verwond naar de wal gebracht, terwijl een andere matroos overboord sprong.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam: de sleepboot VELSEN I is voor NLG 1.010 opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 15 april. Door de sleepboot ADSISTENT is alhier binnen gebracht een onderste boven drijvend schip, naam en nationaliteit onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 maart. Het Nederlandse schip PRESIDENT TRAKRANEN, kapt. Hoekstra, is bij het vertrek van Samarang in aanvaring geweest met het stoomschip COMORIN; de schade is niet belangrijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 13 april. Het bij Wangerooge gestrande Nederlandse schip REMKE KLEIN, kapt. Dost, van Antwerpen naar Hamburg, is na vier lichters gelost te hebben afgebracht en alhier naar binnen gegaan. Nog zijn drie vaartuigen met beschadigde lading te Neu Harlingersiel aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 april. Volgens een heden ontvangen bericht is de Texelse loodskotter No.6 ter hoogte van Dungeness aangezeild door een naar Londen bestemd stoomschip. Hoewel de aanvaring gelukkig boven de waterlijn plaats had is de schade aan stutten enz. nogal belangrijk.


18 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hindelopen, 14 april. Het in het begin dezer maand bij deze plaats gezonken tjalkschip ANNEGIENA, geladen met aardappelmeel, van Veendam naar Antwerpen, is na gehele lossing der lading gelicht en alsnu binnengebracht. Het vaartuig, groot ongeveer 130 ton, is nog in goede staat.
Van de 15de. Het wrak van het in maart l.l. hier gezonken tjalkschip HENDRIKA, heeft bij publieke verkoop opgebracht NLG 25.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 14 april. Het barkchip NOACH VI is hedenmorgen hier in het droge dok gezet om te worden nagezien en spoedig voor eene reis naar Java te worden gereed gemaakt.


19 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 maart. De PRESIDENT TRAKRANEN, kapt. Hoekstra, was bij het vertrek naar Samarang in aanvaring met het stoomschip COMORIN, waardoor eerstgenoemde enige schade leed.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 17 april. Volgens telegram is te Kopenhagen aangekomen het schip CERES, kapt. Boompaal, komende van Granton. Aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 17 maart. Kapt. Ritchie, gezagvoerder van het schip SOMERSET, hier van Cheribon aangekomen, rapporteert de 14e maart in Straat Banka het schip PALESTINE aangetroffen te hebben met brand in de uit kolen bestaande lading. Na het op sleeptouw gehad te hebben op weg naar Muntok op het eiland Banka, werd het nadat het dek door een ontploffing in de hoogte was geslagen en de brand zeer toenam, op strand gezet waar het geheel vernield werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 april. Volgens een nader ontvangen bericht is de loodskotter No.6 aangevaren door de stoomboot COHANIM, 14 dezer van Coosaw te Gravesand aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 13 april. De op het strand gestrande tjalk REMKE KLEIN is door bergers opgehaald en hier naar binnen gebracht. Er is nog enige lading aan boord. Vier schuitjes met lading ex-REMKE KLEIN zijn hier aangekomen en vier vissloepen met lading te Neu Harlingersiel. De lading is merendeels beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Naar men verneemt, zal aan de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier door het Departement van Marine worden opgedragen de bouw van een schroefstoomschip ten dienste der betonning, verlichting, enz.


20 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 18 april. Het gisteren binnengekomen stoomschip PRINS HENDRIK deed de reis van Batavia naar Suez in 19 etmalen en 4 uur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 april. Volgens een telegram aan de rederij alhier uit Burntisland ontvangen, is het schip ONDERNEMING, kapt. Kuiper, van hier heden aldaar aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 19 april. Gisteren werd in publieke veiling voor NLG 5.525 opgehouden het schip ALBERTINA AMELIA. Later onderhands verkocht aan de heren Fontein en Tjallingii alhier voor NLG 5.500. Kapt. Koudenburg blijft gezagvoerder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 april. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG II, kapt. G.Schultz, van Newcastle naar Java, is volgens een particulier bericht lek, met twee voet water in het ruim, te Falmouth binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 april. Volgens een telegram is het schip ANNA AUGUSTA, kapt. Wietsma, met een lading dakpannen van hier, heden behouden te Arendal aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl. De onder Nederlandse vlag varende schoener MARIA, kapt. R. Meyering, vertrok de 4e maart van hier in ballast naar Laurvig. Sedert die tijd heeft men van het schip niets vernomen. Men vreest, dat het met de gehele bemanning, bestaand uit zes personen, waaronder de vrouw van de kapitein, is verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het 12de jaarverslag door de commissarissen uitgebracht aan de aandeelhouders der Stoomvaart-Maatschappij Nederland, is het volgende ontleend:
Wat de zaken der maatschappij betreft, zo zal het niemand die bij de vrachtmarkt betrokken was, verwonderen, dat het jaar 1882 minder voordeel opleverde dan zijn voorganger.
De reizen der stoomschepen geven een batig saldo van NLG 830.312,29, de diverse baten en het saldo van vorige rekening zijn NLG 33.015,66½.
Van de winst moet bestreden worden: het nadelig saldo der interestrekening NLG 129.943,79½, de afschrijvingen tot een totaal bedrag van NLG 435.017,82.
Het winstsaldo bedraagt NLG 298.375,34 en stelt in staat tot een uitdeling van 6,2 % over het kapitaal van NLG 4.139.500,- met statutaire uitkeringen van overwinst aan reservefonds, ondersteuningsfonds en bestuur. Na aftrek der patent-belasting à NLG 7.570,21 wordt het saldo à NLG 2.040,13 op nieuwe rekening overgebracht.
Nadat de algemene vergadering op zaterdag 5 mei te houden, de balans zal hebben goedgekeurd, wordt het dividend à NLG 62,- per aandeel van NLG 1.000,- en à NLG 31,- per aandeel van NLG 500,- bij aankondiging in de dagbladen betaalbaar gesteld ten kantore van de Kasvereniging te Amsterdam, tegen inlevering van het bewijs No. 9.
De afschrijving op de stoomschepen vond plaats ingevolge de bekende maatstaf en bedroeg het aanzienlijke totaal cijfer van NLG 419.887,82.
Er was beschikbaar gekomen een som van NLG 16.200,-, wegens het batig saldo der rekening van het stoomschip KONING DER NEDERLANDEN, na afboeking van al de daarop betrekking hebbende posten, en de overblijvende som van NLG 403.687,82 werd geheel genomen uit het bruto winstcijfer over 1882.
Aan de extra reserve van NLG 100.000,- in het afgelopen jaar geboekt, is dus niet geraakt. Zij blijft beschikbaar voor latere minder gunstige jaren.
Aanzienlijke sommen zijn in 1882 besteed voor het aanbrengen van stalen assen en belangrijke uitbreiding van het aantal en de grootte der sloepen op de schepen, die daardoor ongetwijfeld in waarde zijn vooruitgegaan. Die sommen zijn echter geheel gedekt uit de reserve in het afgelopen jaar, voor dat doel ter zijde gelegd, en de reparatierekening staat nu nog NLG 47.500,- credit, waarvan NLG 7.500,- voor een nog te geschieden asvernieuwing, doch NLG 40.000,- als reserve voor buitengewone reparaties, een reserve, die bij zulk een uitgebreide vloot aanbevelenswaardig is, waar het beginsel moet worden vastgehouden, om nimmer een noodzakelijke vernieuwing of herstelling te verzuimen of uit te stellen.
Een andere niet onbelangrijke aanwinst voor onze maatschappij is de toename van het assurantiefonds met NLG 170.000,-, waardoor het thans bedraagt NLG 618.189,74 ½, of ongeveer 15 % van het maatschappelijk kapitaal, een rente opleverende van circa NLG 30.000,-.
Het statutaire reservefonds, dat bij het stelsel van afschrijvingen, zoals het in deze maatschappij is aangenomen, ten doel heeft om eventuele verliezen te dekken, is thans gestegen tot NLG 70.694,08 en is insgelijks rentegevend belegd.
Wij mogen er dus met voldoening op wijzen, dat de maatschappij aan het einde van een jaar, waarin herhaaldelijk met lage vrachten en gedeeltelijke wanruimte moest worden geworsteld, te midden van vaak overdreven concurrentie, haar standpunt heeft bewaard, krachtiger is geworden voor de toekomst en toch een redelijk dividend voor haar aandeelhouders heeft opgeleverd.
De uitbreiding van de dienst tot drie expedities per maand, in plaats van twee, die in ons vorig verslag was aangekondigd, begon op 8 april van Amsterdam, op de 14de juni van Batavia.
Wij waren daartoe in staat door het in de vaart brengen der nieuwe eerste klasse stoomschepen PRINS FREDERIK, dat voor zijn eerste reis op 10 mei, INSULINDE, op 21 juni, PRINSES WILHELMINA, op 6 september, en SUMATRA, op 16 december vertrok. Deze schepen allen van circa 3.000 tonnen grootte en voorzien van bijzonder krachtige machines, hebben even goed voldaan als het verleden jaar nieuw gebouwde stoomschip PRINS ALEXANDER en de werkkracht van de vloot zowel voor maildienst als voor passagiers en goederenvervoer, is daardoor belangrijk toegenomen.
In 1882 zijn voltooid 31 uit- en thuisreizen. Het totaal reizen is daardoor gestegen tot 200.
De uitreizen werden gedaan tot en met maart 1882 via Southampton en Napels; van april af werd Marseille voor laatstgenoemde haven in de plaats gesteld. In juli, augustus en september werd op enige reizen Londen in plaats van Southampton aangedaan voor het innemen der Engelse lading.
De gemiddelde uitreis in 1882 was: 38 stoomdagen; 42 dagen 15 uur reis, tegen in 1881 38 stoomdagen 1 uur; 42 dagen 13 uur reis. De kortste uitreis was 32 dagen 18 uur stoom, 37 dagen met inbegrip van alle oponthoud, tegen 1881 34 dagen 11 uur stoom, 37 dagen 17 uur met inbegrip van alle oponthoud.
De thuisreizen werden tot en met maart via Napels gedaan; van april af via Marseille. Zij werden vertraagd door buitengewoon lang oponthoud in het Suez kanaal, tengevolge van de oorlogstoestand in Egypte, de quarantaine maatregelen, waarover wij het vorige verslag reeds spraken, en van het aanhoudend stoppen van het verkeer door aan de grond zittende stoomschepen. Het is hoog tijd, dat het Suez kanaal beter wordt ingericht voor de zo verbazend toegenomen stoomvaart, en wij vertrouwen, dat na verbreding van het vaarwater door de Bittermeren, uitbreiding en verlenging der wijkplaatsen en afgraving der bochten, waarvoor volgens besluit der Suez Kanaal Maatschappij 23 miljoen franc worden besteed, deze belemmeringen niet meer zullen voorkomen.
Onze eigen schepen, hoewel zij tot de grootste blijven behoren, die het Kanaal passeren, kwamen gelukkig niet aan de grond en maakten geen averij.
De quarantaine maatregelen te Marseille veroorzaakten ook veel oponthoud. Achtereenvolgens werden 9 onzer stoomschepen bij aankomst te Marseille naar de quarantaine plaats “Port du Frioul” verwezen, waardoor telkens drie dagen verloren gingen en veel kosten veroorzaakt werden.
De gemiddelde thuisreis, met inbegrip van alle oponthoud was: 45 dagen (40 dagen 9 uur onder stoom) tegen: 42 dagen 8 uur (40 dagen 14 uur onder stoom) in 1881.
De kortste thuisreis in 1882: 38 dagen 22 uur (36 dagen 13 uur onder stoom) tegen 38 dagen 4 uur (37 dagen 7 uur onder stoom) in 1881.
Geen ongevallen van enige betekenis hadden plaats, met uitzondering van het aan de grond lopen in straat Messina op 22 april van het stoomschip VOORWAARTS, door stroomverleiding en slecht zicht uit de koers geraakt. Het schip kwam met eigen stoom af, dokte te Malta en de schade was spoedig hersteld, terwijl de lading hoegenaamd geen beschadiging had ondergaan.
De directie meldt omtrent het proces VOORWAARTS - KHEDIVE het volgende:
In ons verslag van 12 april 1881 deelden wij u mede dat wij de hoofdzaak gewonnen hadden, doch dat de afwikkeling slechts langzaam kon geschieden. Inderdaad moest er nog een nieuw proces worden gevoerd alvorens de eindregeling kon worden opgemaakt. Volgens het Admiraliteitshof zou het volle bedrag der schadevergoeding waartoe de KHEDIVE verplicht was, te weten GBP 28.560,- tussen de belanghebbenden VOORWAARTS verdeeld worden. Het Hof van Appel echter had kort geleden in een soortgelijk geval een beslissing genomen, waaruit zou voortvloeien dat de helft der door de KHEDIVE zelf geleden schade van die som moest worden afgetrokken. Dit stelsel van het Hof van Appel was onderhevig aan gegronde bedenkingen en wij aarzelden dus niet om, op advies onzer rechtsgeleerden in Engeland, de zaak te brengen voor het Herenhuis, het hoogste rechtscollege te Groot-Brittannië. Op 26 juli 1882 gaven deze rechters een vonnis, dat van het standpunt van het Engels recht, zeer belangrijk en gewichtig is, en waarvan het gevolg is dat circa NLG 106.000,- voor de belanghebbenden bij schip en lading van de VOORWAARTS zijn gewonnen. De zienswijze van het Admiraliteitshof wordt juist verklaard en het stelsel van het Hof van Appel veroordeeld.
De schadevergoeding door de KHEDIVE verschuldigd, verminderd met belangrijke proceskosten, doch enigszins toegenomen door interest, wordt eerlang tussen belanghebbenden verdeeld, en wij vertrouwen dat onze volgende rekening geen onbetekende restitutie uit dien hoofde zal hebben aan te wijzen.
In de algemene vergadering van 2 mei 1882 werden de heren jhr. P. Hartsen en J. de Vogel als commissarissen der Maatschappij herkozen. De eerstvolgende algemene vergadering zal hebben te voorzien in de vacaturen ontstaan door het overlijden van de heer jhr. mr. J.A. den Tex, terwijl tevens een stemming noodzakelijk is tengevolge van het aftreden der heren A.C. Wertheim en G.A. baron Tindal, die echter herkiesbaar zijn.
Omtrent het goederenvervoer wordt nog door de directie gemeld;
Het goederenvervoer was als volgt: Naar Marseille en Port Said 262 m3, naar Engels Indië met overlading te Port Said 838 m3, naar Atjeh, Padang, Java en verder Indië 74.374 m3, totaal 75.474 m3. In 1881 was het vervoer naar Port Said en Marseille 697 m3, naar Nederlands Indië 58.622 m3.
Van Java naar Padang werden ingevoerd: in 1882 33.423 last, in 1881 29.076.
Onder die van Java enz. overgevoerde lading was bestemd: voor Middellandse zeehavens 2.902 last, tegen 1.008 in 1881; voor buitenlandse Noordzeehavens 349 ½ last, tegen 301 in 1881; voor Noord-Amerika 158 ½ last, tegen 356 in 1881. Van Marseille werden aangebracht 2.577 tonnen diverse lading voor Amsterdam en andere plaatsen.
Het kapitaal der vennootschap bestaat uit NLG 7.000.000,- in aandelen. De eerste serie van NLG 3.500.000,- werd in 1870 uitgegeven en ten volle geplaatst. De tweede serie, mede NLG 3.500.000,- groot, werd bij de Nederlandsche Bank gedeponeerd, om beschikbaar te zijn bij inwisseling tegen obligaties van de geldlening groot NLG 3.500.000,-, in 1872 uitgegeven. De aandelen, die door uitloting van obligaties vrijkomen, kunnen ingevolge besluit van 17 mei1878 teruggenomen worden en geplaatst op zodanige wijze, als door commissarissen wordt goedgekeurd.
Van de bevoegdheid tot inwisseling is in 1882 gebruik gemaakt door de houders van NLG 122.000,- obligaties 1872, zodat het geplaatste kapitaal op 1 januari 1883 bedroeg NLG 4.139.500,-.
De geplaatste en niet afgeloste obligaties der verschillende geldleningen bedroegen op 1 januari 1883 5 % geldlening 1872 NLG 1.961.000,-, 4½ % 1879 NLG 889.006,-, 4 % 1881 NLG 1.315.000,-, totaal NLG 4.165.000,-. Nog ongeplaatst en dus beschikbaar, indien de maatschappij meer geldmiddelen nodig heeft, zijn NLG 685.000,- 4 % obligaties 1881. Het saldo der 4½ % geldlening 1879, groot 444.000,- werd op 5 juli1882 bij inschrijving geplaatst tot de koers van 99 % netto.


21 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 18 april. Op het brikschip ALBERTINA AMELIA, groot 262 tonnen nieuwe meting, gebouwd in 1850, is door de heren Hubert Jans en Co., alhier, geboden NLG 520, doch daarvoor opgehouden. Later is het voor NLG 5.620 uit de hand verkocht aan de heren Fontein en Tjallingii, alhier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 19 april. Volgens particulier telegram uit Sunderland is het schip ALLEGONDA JACOBA, kapt. Ebes, gisteren aldaar behouden van hier aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 19 april. Volgens particulier telegram, zijn de schepen BOTHNIA, kapt. Alta, en ARGO, kapt. Mensonides, beide van Harlingen, beladen met stro, heden behouden te Grangemouth aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lamlash, 17 april. Het schip ALBERTINE, kapt. Walters, van Greenock naar Quebec, is heden hier binnengelopen met oproerige equipage. Een deel daarvan weigerde te werken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Volgens een telegram van kapt. Schall is het schip MARIA na een reis van 104 dagen van Portland te Soerabaja aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 april. Volgens een bij de reder ontvangen telegram is het schip STAD STEENWIJK, kapt. Houwink, heden te Grangemouth aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 20 april. Heden is met goed gevolg te water gelaten van de werf van de scheepsbouwmeester W. van der Windt alhier de logger ADRIANA, bestemd voor de haringvisserij voor rekening van de heer A.P. Krul te Scheveningen, zullende gevoerd worden door schipper W. Knoester.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het verslag van commissarissen aan heren aandeelhouders in de Nederlandsche-Amerikaansche Stoomvaart-Maatschappij over het jaar 1882 luidt als volgt:
Ten einde u op de hoogte te brengen van de toestand onzer Maatschappij, menen wij niet beter te kunnen doen, dan u het verslag, dat door de directie aan ons is gedaan, in zijn geheel over te leggen. Met de directeuren betreuren wij het, dat er over het afgelopen jaar geen dividend kan worden uitgekeerd, al is het dan ook mogelijk geweest op het materieel een matige afschrijving te doen; ook wij zijn van mening, dat door de zeer ruime afschrijvingen, die in de beide laatste jaren hebben plaats gehad, de balanswaarde van onze stoomschepen niet hoog is te noemen. De oorzaken van de weinig bevredigende uitkomst worden door de directie omstandig medegedeeld, en wij geloven gerustelijk te kunnen zeggen, dat het nog steeds gebrekkige vaarwater van Rotterdam naar zee daarvan wel de voornaamste is. Daardoor toch zijn wij genoodzaakt onze grootste stoomschepen, die dus de grootste kwantiteit goederen aanbrengen, altijd op Amsterdam te dirigeren. En dit nadeel is zeer belangrijk. Immers, afgescheiden van de vele goederen die voor Rotterdam bestemd zijn en hierheen moeten vervoerd worden, blijft onze stad ook de aangewezen plaats van in- en uitvoer voor die goederen, die per scheepsgelegenheid naar of van de Rijn moeten worden verzonden. Voor onze Maatschappij is het vervoer van die goederen, naar of van Amsterdam, een zuiver verlies; en aan de ontvangers dier goederen wordt door dat vervoer groot tijdverlies veroorzaakt. De hoeveelheid van de goederen die in deze categorie vallen, is overwegend groot. Want zeer vele artikelen kunnen alleen te water van of naar de Rijn vervoerd worden, hetzij omdat de spoorvracht daarop te zwaar zou drukken, hetzij omdat zij uit hun aard beter te water dan te land kunnen vervoerd worden. Wij achten ons dan ook gelukkig er op te mogen wijzen dat de vooruitzichten voor de verbetering van onze Waterweg naar zee gunstig staan. De Vertegenwoordiging heeft de gevraagde gelden toegestaan en de ingenieurs, die met de uitvoering belast zijn, hebben een bepaald gunstige mening van de uitwerking, die de onderhanden zijnde werken op de verdieping van het vaarwater zullen hebben. Ofschoon wij vast besloten hebben, om van Amsterdam evenveel afvaarten te behouden als van Rotterdam, zal dan later niet de diepgang der schepen, maar de kwantiteit goederen de doorslag geven bij de vraag, van welke plaats de grote schepen moeten varen.
Wij kunnen u ten slotte de verzekering geven, dat bij onze bekwame directie uw belangen aan goede handen zijn toevertrouwd. Maar hoe moeilijker de omstandigheden zijn, des te meer steun moet de directie vinden, niet alleen bij het college van commissarissen, maar ook bij u en bij alle belanghebbenden bij onze, voor het gehele land zo nuttige, onderneming.
Het verslag van de directie luidt als volgt:
Aan het slot van onze mededelingen, u ten vorige jaar gedaan, wezen wij reeds op de hoogst ongunstige toestand der vrachten van New York naar Nederland. De toen uitgesproken hoop, dat verbetering daarin niet lang kon uitblijven, heeft zich helaas niet verwezenlijkt, en zo als de hieronder opgegeven cijfers kunnen aantonen, waren de retourvrachten het gehele jaar zo laag, dat onze onderneming geen winst heeft opgeleverd. Die lage retourvrachten waren hoofdzakelijk het gevolg van de weinige levendigheid van de graanhandel van Noord-Amerika met ons land en Zuid-Duitsland, en van het grote aanbod van scheepsruimte te New York voor de havens van het continent, dat het gehele jaar aanhield. Maar ook de scherpe concurrentie met de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij te Amsterdam, die ons tot aanzienlijke verlaging in vrachten en passageprijzen dwong, was van hoogst nadelige invloed op onze ontvangsten. Eindelijk bleven ook de grote kosten, die veroorzaakt worden door de nog altijd zo gebrekkige communicatie van Rotterdam met de zee, zeer zwaar op onze exploitatie drukken. Het ten vorige jare genomen besluit, om de helft van onze afvaarten van Amsterdam te doen plaats hebben en daartoe de grootste en meest diepgaande van onze stoomschepen te bezigen, heeft dan ook ten gevolge gehad, dat de resultaten van het jaar niet nog belangrijk nadeliger geweest zijn, zoals u uit de lager daaromtrent medegedeelde bijzonderheden kan blijken.
Materieel. Bij de Mededelingen omtrent de toestand van onze stoomschepen, wensen wij in de eerste plaats in herinnering te brengen, de noodlottige ramp die ons trof, door het vergaan op 21 september ll. van het stoomschip EDAM. In de avond van die dag werd die bodem, bij mist, door het Engelse stoomschip LEPANTO midden in de zijde aangevaren en tot ver beneden de waterlijn doorgesneden. Daar terstond bleek dat zinken onvermijdelijk was, werden de boten die niet verbrijzeld waren, in volmaakte orde uitgezet en passagiers en bemanning daarin over overgescheept; bijna onmiddellijk daarop, 25 minuten na de aanvaring, verdween het prachtige schip in de diepte. De geredden werden opgenomen aan boord van de LEPANTO, die ook belangrijke schade had geleden. Slechts twee man van de equipage, machinisten, die op het ogenblik van de aanvaring in de machinekamer waren, kwamen bij de ramp om het leven. Hoe gevoelig ons het verlies ook trof, het was een troostende gedachte dat het niet meer mensenlevens had gekost, en dat het niet was veroorzaakt door enig gebrek aan het schip of enig verzuim van commandant of officieren.
De schade voor onze Maatschappij was aanzienlijk. Wel was het schip voor de volle waarde verzekerd, doch ons assurantiefonds was daarbij betrokken voor NLG 25.000,- eigen risico, en daar wij nimmer vracht verzekeren, lieten de uitrusting voor de reis en gemaakte kosten te New York mede een belangrijk verlies. Zoals u bekend is hebben wij, na daartoe door u te zijn gemachtigd, voor rekening van de gezamenlijke belanghebbenden, een vordering tot schadevergoeding ingesteld tegen het stoomschip LEPANTO en de eigenaars van dat schip, waartoe volgens het gevoelen van onze rechtsgeleerde raadsman te New York alleszins aanleiding bestond. Omtrent de uitslag van dat geding kunnen wij nog een mededelingen doen.
De deelhebbers in het verongelukte schip hebben zich bereid verklaard om deel te nemen in een nieuw aan te bouwen stomer, op dezelfde voorwaarden door ons in huur te nemen. Wij hebben dan ook reeds in oktober ll. voor die aanbouw gecontracteerd met de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij alhier. Het zal een schip zijn van gelijke grootte en draagvermogen als de vorige EDAM, zal dezelfde naam dragen, doch thans van staal worden gebouwd, zoals vele van de grote trans-atlantische stoomschepen van de laatste tijd, Door staal te bezigen in stede van ijzer, kan de vorm zodanig worden gewijzigd, dat meerdere snelheid wordt verkregen, zonder dat daarom het draagvermogen vermindert.
Het stoomschip ZAANDAM, geheel voor rekening van onze Maatschappij gebouwd, werd in juli ll. aan ons afgeleverd. Het voldoet zeer goed, in alle opzichten, en wij geven aan de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij gaarne de eer, het contract tot onze volkomen tevredenheid te hebben uitgevoerd. De ROTTERDAM heeft in het afgelopen jaar nieuwe stoomketels gekregen en verder, zowel wat het schip als de werktuigen aangaat, belangrijke vernieuwingen en herstellingen ondergaan. In de loop van 1883 zal het stoomschip MAAS een soortgelijke reparatie moeten hebben. De nieuwe stoomketels voor die bodem, ook door de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij vervaardigd, staan gereed. De stoomschepen AMSTERDAM en SCHIEDAM zijn beide in zeer goede orde, evenals de W.A. SCHOLTEN en P. CALAND; en hoewel het jaar 1882 zeker onder de meest stormachtige van de laatste tijd moet gerangschikt worden, bleven wij van belangrijke averijen verschoond.
Ten einde onze wekelijkse dienst geregeld vol te kunnen houden, ook dan als een van de stoomschepen in reparatie ligt, deed zich reeds ten vorige jaren de behoefte gevoelen aan een negende schip. Om daarin te voorzien werd, met uw goedkeuring, het stoomschip NEDERLAND van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij aangekocht, in rederij gebracht en, na tot een vol spardekschip te zijn omgebouwd, in onze lijn opgenomen. Ook dat schip, nu LEERDAM genaamd, voldoet zeer goed aan de verwachtingen.
Exploitatie. In het boekjaar 1882 werden door onze stoomschepen gedaan 48 reizen, tegen 35 in het vorige. De bruto ontvangsten bedroegen:
Aan uitvrachten NLG 579.660,- gemiddeld per reis NLG 12.076,-
Aan retourvrachten NLG 1.180.968,- gemiddeld per reis NLG 23.130,-
Aan passagegelden NLG 781.140,- gemiddeld per reis NLG 16.274,-
Alzo een gemiddelde ontvangst per reis van NLG 51.453,-
Over 1881 was dat gemiddelde per reis NLG 59.976,-
Zodat in 1882 per reis minder werd ontvangen NLG 8.523,-
Indien de ontvangsten derhalve maar hadden gelijk gestaan met het vorige jaar, dan zou in 1882 meer bevaren zijn 48 x NLG 8.523,-, dat is NLG 409.104,-.
Bedenkt men daarbij, dat door de toevoeging van de EDAM en ZAANDAM de gemiddelde grootte van de schepen, waarmede de dienst is verricht, aanzienlijk meer was dan vroeger, dan springt in het oog, tot welk laag standpunt de vrachten zijn gedaald. De hoeveelheid goederen, in 1882 vervoerd, bedroeg: naar New York plus/minus 68.000 tonnen, van New York plus/minus 102.000, tegen 37.000 en 76.000 respectievelijk in 1881.
Wat het personenvervoer betreft, zo bedroeg in 1882 het aantal kajuitspassagiers 765 en tussendekspassagiers 18.917, tegen 784 en 16.716 in het vorige jaar. (Uit een statistiek over de tien jaren van het bestaan der Maatschappij, hierbij gevoegd, blijkt o.a. dat de goederenvrachten per reis veel minder opbrachten dan tien jaar geleden, schoon toen slechts met 2 schepen werd gevaren en de gemiddelde bruto inhoud der schepen 50 procent is vooruitgegaan.)
Afvaarten van Amsterdam. Ten opzichte van de invloed, welke de vaart van Amsterdam op onze exploitatie heeft gehad, kunnen wij het volgende mededelen. In april daarmede aangevangen, vielen er in 1882 16 afvaarten van Amsterdam, waarbij de stoomschepen een gemiddelde diepgang hadden van 64 decimeters. Indien die stoomschepen van Rotterdam waren geëxpedieerd, zouden ze gemiddeld slechts tot een diepgang van 54 decimeters kunnen beladen geworden zijn. Dat verschil in diepgang vertegenwoordigt ruim 1.000 ton lading, of tegen het lage cijfer van NLG 6,- vracht per ton, een verschil van NLG 6.000,- per reis, meerder uitvracht van Amsterdam. Terugkomende bereikten die schepen Amsterdam met ongebroken last, en een gemiddelde diepgang van 66 decimeters. Naar Rotterdam bestemd, zouden ze te Vlissingen of Brouwershaven tot 52 of 53 decimeters diepgang hebben moeten lichten, om naar Rotterdam te kunnen opkomen. De meerdere kosten van het binnenkomen en lichten in een van de bovengenoemde voorhavens, vergeleken met het binnenkomen te IJmuiden en direct opvaren naar Amsterdam, kunnen, volgens een zeer matig gemiddelde van enige reizen, op NLG 3.000,- per reis worden gesteld. Maar behalve die nadelen van geheel directe aard, zijn er voor het varen op Rotterdam met die grote schepen nog vele andere, die niet zo dadelijk in het oog springen of zo gemakkelijk onder cijfers te brengen zijn, al is hun bestaan daarom niet minder waar. Vooreerst het belangrijke oponthoud of tijdverlies te Vlissingen of Brouwershaven; dan het risico om weder naar zee te gaan, rond te stomen en opnieuw in een van onze gebrekkige zeegaten binnen te komen; verder het gevaar van op onze rivieren aan de grond te geraken, een veelvuldig voorkomend geval dat dikwerf aan hulplonen en sleeplonen hoogst belangrijke extra uitgaven veroorzaakt; en eindelijk zijn de slechts gedeeltelijk beladen schepen zoals ze van Rotterdam uitgaan, veel minder geschikt om wederstand te bieden aan de westelijke stormen en zeeën van de Atlantische Oceaan zodat ze dooreen veel langer reizen maken.
De feitelijke ondervinding raadplegende, kunnen wij al die indirecte nadelen voor het varen van Rotterdam met tamelijke zekerheid op NLG 3.000,- stellen, zodat wij een en ander samengevoegd, een gunstig verschil hebben, voor elke reis van Amsterdam gemaakt, van minstens NLG 12.000,-, of over de 16 reizen van NLG 192.000,-. Daarentegenover staat alleen, dat wij wat meer te betalen hebben voor vervoer van goederen tussen Amsterdam en Rotterdam, als ook de kosten van onze vestiging te Amsterdam, wat in het jaar 1882 gezamenlijk ongeveer NLG 20.000,- heeft bedragen. Indien wij niet van Amsterdam hadden gevaren zou derhalve het resultaat van ons boekjaar nog plus/minus NLG 172.000,- ongunstiger zijn geweest. Het voordeel van het varen van Amsterdam ligt dan ook, tot nog toe, uitsluitend in de betere communicatie met de zee.
Toelichting winst- en verliesrekening. Zoals uit de winst- en verliesrekening blijkt, was het voordeling saldo van onze exploitatie over het afgelopen jaar NLG 213.012,97, waarvan, na aftrek van algemene en publiciteitskosten en van interest der geldlening, een som van NLG 78.000,- overbleef, die met uw goedkeuring is aangewend tot afschrijving op de stoomschepen. Indien de resultaten van de dienst 1882 niet zo ongunstig waren geweest, zouden wij u zeker ruimer afschrijvingen en versterking van het reparatie- en ketelfonds hebben voorgesteld. Toch menen wij er op te mogen wijzen, dat in de beide voorafgaande jaren zeer belangrijke afschrijvingen op het materiaal hebben plaats gehad; dat de waarden waarvoor de schepen thans op de balans staan, niet hoog zijn te achten, en dat een reparatie- en ketelfonds van ruim NLG 368.000,-, in verhouding tot ons materieel, nog vrij aanzienlijk mag geacht worden. Dat onze steeds klimmende zorgen en werkzaamheden over het afgelopen jaar geen betere uitslag hebben gehad en wij geen dividend voor onze aandeelhouders hebben kunnen verdienen, kan door niemand meer dan door ons worden betreurd.
Het lopende jaar. Omtrent de loop der zaken in dit jaar laat zich nog weinig zeggen. De vrachten van de Verenigde Staten naar Nederland blijven nog altijd zeer laag, terwijl het personenvervoer zeker minder levendig zal zijn dan de beide voorafgaande jaren. Wel durven we ons echter vleien met een merkbare verbetering in de uitvrachten, waartoe in de eerste plaats zal medewerken de in januari jl., onder uw goedkeuring met de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij te Amsterdam gesloten overeenkomst. Daarbij is bepaald, dat wij zowel van Amsterdam als van hier zullen blijven varen, twee van haar stoomschepen gedurende twee jaren in onze lijn zullen opnemen, en dat de verdere exploitatie van de stoomvaart van de beide Nederlandse havens op New York geheel onder ons beheer zal plaats hebben zodat de voor beide ondernemingen zo nadelige concurrentie heeft opgehouden. Hoe weinig verblijdend de tegenwoordige toestand dan ook nog wezen moge, wij voor ons vinden daarin geen redenen tot ernstige bezorgdheid. Onze Maatschappij heeft zich thans, zonder enige staatshulp, onder de stoomvaartondernemingen van Nederland een krachtige positie verworven, en voorziet in een behoefte voor de Nederlandse handel zó onmisbaar en zó gestadig toenemende dat zij, wij twijfelen er niet aan in de toekomst meer geregeld een rente voor de deelhebbers zal opleveren. Naar dat doel zullen wij bij voortduring blijven streven, gesterkt door uw steun en uw vertrouwen.
Er moet voorzien worden in 3 vacatures in de raad van commissarissen, nl. in die der heren F.A. Müller, L.A.E. Suermondt en C. Rueb Cz., die aan de beurt van aftreding zijn, terwijl eerstgenoemde de stad heeft verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan den IJssel, 19 april. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten de ijzeren sleepkaan ALPHA, groot plus/minus 11.000 centenaars, gebouwd voor rekening van de heren Reichert & Co., en daarna de kiel gelegd voor een dergelijk schip (opm: CAROLINA), groot plus/minus 10.000 centenaars, voor rekening van de heer H. Hermann te Neckar Gerach.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lekkerkerk, 19 april. Bij de scheepsbouwmeester T. van Duijvendijk is te water gelaten een ijzeren boeier, gebouwd voor rekening van de heer C. den Ouden te Nieuw-Lekkerland, en de kiel gelegd voor een ijzeren boeier voor rekening van de heer A. Wemmers.


22 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 20 april. Uit het gestrande stoomschip CITY OF ROTTERDAM is heden weer plm. 60 ton ijzer aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 april. Heden had met het beste gevolg de proeftocht plaats van het stoomschip ALBLASSERDAM, gebouwd, voor rekening van de heren Vroege en De Wijs, op de werf van de heren Rijkée & Co. te Charlois. Het schip liep, volle kracht stomende, een vaart van 10¼ mijl. De machine, compound systeem, met cilinders van 27 en 50 Engelse diameter bij 36 Engelse duim slag, vervaardigd bij de Maatschappij De Maas te Delftshaven, ontwikkelde een vermogen van 520 indicateur paardenkrachten.
(opm: de ALBLASSERDAM is op 24 april op de eerste reis van Rotterdam naar Bilbao vertrokken)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 19 april. Heden is van de werf van Cs. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten een ijzeren Rijnschip (opm: THÉRÈSE), groot 300 last, voor rekening van de heer David Seybel te Gernsheim.


23 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 april. Volgens een particulier bericht arriveerde het fregatschip INSULINDE, kapt. Van de Gevel, van Amsterdam te Samarang na een 109 dagen durende reis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 20 april. Volgens telegram van kapt. Schall, is het schip MARIA, na een reis van 104 dagen, van Portland te Soerabaja aangekomen.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Naar men ons meldt, is het Engels schip PALESTINA ter hoogte van Sumatra’s derde hoek verbrand. De oorzaak van dat onheil moet toegeschreven worden aan de broeiing der lading, bestaande uit steenkolen. Hoewel alle middelen werden beproefd om de voortgang van de brand te stuiten, mislukte alles, zodat de gezagvoerder en de bemanning verplicht waren het schip te verlaten.


25 april 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Wij vestigen de aandacht onzer lezers op de inschrijving bij de Stoomvaart-Maatschappij Nederland op 30 april aanstaande voor NLG 500.000,- aandelen tot de koers van 103 %.
Neemt men in aanmerking, dat aan deze aandelen het recht verbonden is op volle dividend over 1883, en dat het statutair reservefonds circa 1¾ % over het tegenwoordige kapitaal vertegenwoordigt, dan zijn de voorwaarden voor de nieuwe deelnemers billijk gesteld. Het jongste jaarverslag van deze stoomvaartonderneming, welke voor Nederland en Indië van zo groot gewicht is, geeft zeer volledige mededelingen omtrent de toestand der maatschappij, haar aanzienlijke afschrijvingen, haar belangrijk assurantiereservefonds en wij verwijzen naar het uittreksel dat wij daarvan in ons Ochtendblad van 19 dezer gaven.
Zoals bij een dergelijke aanbieding billijk is, hebben de tegenwoordige aandeelhouders, waarvan het merendeel gedurende 12 jaren al de kansen dezer onderneming gelopen hebben, een recht van voorkeur, waartoe zij de nummers hunner aandelen moeten vermelden op de rode inschrijvingsbiljetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 23 april. Volgens particulier telegram uit Ramsgate is het van Frederikstad naar Poole bestemde, doch op de Goodwin Sands gestrande en later af- en in Ramsgate binnengebrachte Nederlandse barkschip HENNING, kapt. Berg, na gehouden expertise en schadebegroting daar afgekeurd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 23 april. De Veendammer Courant heeft het volgend vrachtbericht van de heer C. Heimburger uit Petersburg:
Sedert 14 dagen is het hier dooi weder. De Newa kan met 14 dagen en de scheepvaart met een maand open zijn. De vrachten voor tarwe van af Newski 2 sh. 9 p. tot 3 sh. gerezen. Schepen gevraagd. Mineraalolie in petroleumfust van af de stad beneden de brug naar Rotterdam NLG 16 à f. 17, naar Antwerpen NLG 17 à 18, naar Duinkerken Ffr. 35 à 36, naar Londen 27 à 28 sh., naar Bristol 37 sh. 6 p., alles per 100 poed bruto. De schepen laden gewoonlijk 80 poed per registerton. Raapkoeken, beneden de brug te laden, naar Schotse kolenhavens 12 sh., naar Oost-Schotland 12 sh. 6 p., naar Engeland, niet verder dan Falmouth, 13 sh., order te Elseneur. Ook wordt ruimte gevraagd voor roggemeel en beenderenmeel naar de Oostzeehavens.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P.H. Craandijk en A.D. Strumphler, makelaars, zullen als lasthebbenden van hunne principalen, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Nordbeek, op maandag 21 mei 1883, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, bij opbod en afslag in veiling brengen:
- Het in 1879 gebouwde, zeer snelvarend ijzeren stoomschip PRINS ALEXANDER DER
NEDERLANDEN, volgens Nederlands meetbrief lang 145 m., wijd 20 m., hol 7,5 m. en
alzo gemeten op netto 245 tonnen. Genoemd stoomschip is thans in de vaart tussen
Harlingen en Amsterdam.
- Het te Londen gebouwde zeer sterke ijzeren raderstoomschip MAGNET II, volgens Nederlands meetbrief lang 17,40 m., wijd 3,75 m., hol 2,13 m. en alzo na aftrek van de machinekamer gemeten op 57 tonnen. Dit stoomschip doet thans dienst als sleepboot in de Nederlandse Zeegaten en Buitengronden.
En zulks met machines en toebehoren, staand en lopend want en verdere complete inventarissen, als breder bij biljetten is omschreven.
Genoemde stoomschepen zullen na 1 mei ter bezichtiging liggen aan de Oosterdoksdijk te Amsterdam en zijn inmiddels uit de hand te koop.
Nadere informatiën zijn te bekomen bij bovengenoemde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Het schip MARY, kapt. Pijl,19 dezer van hier vertrokken, is hedenochtend ten 9 ure te Cardiff aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 april. Het schoenerschip ZEEVAART, 132 registerton, gebouwd in 1864, eigenaar en kapitein D. Ritzes te Sappemeer, is heden alhier uit de hand verkocht aan de heer F.L. Drenth te Oude Pekela voor NLG 4.650 en zal worden bevaren door kapt. G. Eefting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

West Cowes, 21 april. Het Nederlandse schip NAJADE, kapt. Durt, is na volbrachte reparatie en de geloste lading weer ingenomen te hebben, heden naar Caminha (Portugal) vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 23 april. Het stoomschip GERTRUDE , van Salonica (opm: Thessaloniki) met granen naar Schiedam, is bij het binnenkomen van de Waterweg tegen de West aan de grond gevaren en met de schroef verward geraakt in de ketting van de zwarte ton B. Het is later vlot gekomen en door de sleepboot KINDERDIJK opgesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. De werkzaamheden aan het stoomschip KONING WILLEM III, in aanbouw bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier, voor rekening der Maatschappij Insulinde, zijn thans zo ver gevorderd, dat genoemd vaartuig binnen een veertien dagen te water zal worden gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 23 april. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. v.d. Kuijl te water gelaten de sloepschroefstoomboot EBEN-HAËZER, voor rekening van de heer J. Moraal te Zwartsluis; de machine wordt vervaardigd bij de heer B. Wilton te Delftshaven. Daarna werd de kiel gelegd voor een goederenschroefstoomboot, voor rekening van de heer N. Franken Wzn. te Dordrecht; de daarvoor bestemde machine wordt vervaardigd bij de heer H.J. Koopman te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 maart. Vrachten. Scheepsruimte is steeds aan het afnemen, waardoor men hogere cijfers heeft moeten besteden. Naar Amsterdam het Nederlandse schip AUGUSTE, koffie van Macassar tot NLG 45 per last, en het stoomschip PRINS FREDERIK koffie NLG 90, huiden NLG 100, thee NLG 80, tabak NLG 67,50, tin NLG 40 en indigo NLG 120 per last. Naar het Kanaal voor order het Nederlandse schip JOHANNA GBP 4.500 in eens voor stroopsuiker. Het Nederlands-Indisch schip TWEE VRIENDEN laadt naar Melbourne suiker tot geheime vracht.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: JOHANNA EN MARGARETHA, URANIA en NOACH III.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Volgens een ontvangen telegram is het Nederlandse schip H. EN W.C., kapt De Jonge, van Cardiff naar Hongkong, 23 april Straat Sunda gepasseerd.


26 april 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 april. Volgens hier ontvangen telegram is het schoenerschip VERTROUWEN, kapt. J.L. de Vries, heden te Pauillac aangekomen, komende van Huelva; alles wel aan boord.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Omtrent de onder Nederlandse vlag varende stomer CONSUL GENERAAL READ schrijft de resident van Benkoelen, welke plaats door die stomer bezocht werd, in zijn maandbericht het volgende:
De eigenaar, een Arabier van Palembang, had het voornemen geregeld vanuit Batavia via Telok Betong, Benkoelen, Padang, Atjeh en Penan naar Singapore en van daar langs de oostkost van Sumatra naar Batavia terug te varen. Door de resident daartoe aangemoedigd, verklaarde bedoelde Arabier zich bereid op latere reizen ook Kroë, Kauer en Manna aan te doen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 25 april. De sleepboot ONRUST, 19 november 1882 tegen de stroomleidende dam voor deze haven gezonken, en later aangenomen te lichten en binnen te brengen door de firma Huyskes en Co. te Hedel, die na enige vergeefse pogingen haar onderneming heeft opgegeven, is thans uit zijn bedding gelicht en verplaatst door de machinist Jac. van Diesen en Marten van der Wal, smeden alhier, zodat er kans bestaat de ONRUST in de haven te brengen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoop tjalkschip. De notaris F. Schaafsma, te Lemmer zal op dinsdag 1 mei 1883, des namiddags 3 uur in het Logement De Wildeman te Lemmer, finaal verkopen het overdekt tjalkschip, genaamd TWEE GEBROEDERS, bevaren door U.T. Bijlsma, groot 74 tonnen, met staand en lopend want, zeilen, touwwerk, haken, bomen en verdere inventaris, zoals het schip thans ligt in de Zijlroede te Lemmer.
Provisioneel is geboden de geringe som van NLG 525,-.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 25 april. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip OOSTZEE PACKET II, kapt. Kuiper, heden te Rochester aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 maart. Volgens het Bataviasch Handelsblad zijn de reeds enige tijd uit Nederland aangekomen schoenerbrikken BLOMMENDAAL en MELVIL VAN CARNBEE thans voor de dienst gereed en zullen zij weldra worden aangewezen voor de opname der Javasche kust. Het vertrek dier bodems was vastgesteld op 20 dezer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 25 april. De sleepboot ONRUST, die in november laatstleden op de Pollen gezonken was en later verkocht werd, doch later niet afgebracht kon worden, is thans weder verkocht voor NLG 25 aan Van der Wal en Van Driessen, en het is hun gelukt het schip uit de zelling te lichten, en zal met assistentie van twee tjalken opgebracht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 april. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG II, kapt. Schutz, van Newcastle naar Java, lek te Falmouth binnen, heeft volgens een particulier bericht 20 mijl ten Zuiden van Wolfrots (opm: Wolf Rock) op een wrak of een ander onzichtbaar voorwerp gestoten en moet de lading lossen.


27 april 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Probolingo, 25 april. Het wrak van het verbrande Russische schip AGIR, dat zaterdag (opm: 21 april) op vendutie verkocht werd, bracht NLG 360 op. Koper een Chinees.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 12 april. Het schip KORTENAER, kapt. R.J. Datema, van Rotterdam naar Pensacola, is lek gesprongen, op strand gezet om zinken te voorkomen en in die toestand voor US $ 1.100 verkocht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 26 april. Ten gevolge van het breken van twee balken tot het lichten der stoomboot ONRUST gebezigd, zijn de werkzaamheden vertraagd. Men heeft krachtiger middelen aangewend en denkt bij gunstig getij hedennacht de boot binnen te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 26 april. De sleepboot ONRUST heeft men zo verre gelicht, dat hij drijvende was tussen twee lichters, doch zijn de balken waaraan de boot hing, gebroken. De ondernemers zullen het nogmaals proberen met sterkere balken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 25 maart. Kapt. Visser van het op de reis met een lading steenkolen van Granton naar Memel verongelukte Nederlandse schoenerschip WILLEM, dat, na een vreselijke storm te hebben doorgestaan, waarbij verschansingen, boten, stuurrad, watervaten, enz. verbrijzeld werden, in zinkende staat verkeerde, roemt in hoge mate de moedige opoffering van de stuurman A. Holm en vier van van de equipage van het Deense schip SIR JOHN FRANKLIN, die de bemanning met gevaar voor eigen leven hebben gered, alsmede de liefderijke verpleging gedurende hun verblijf op de SIR JOHN FRANKLIN, van de kapitein R. Mortensen ondervonden, die hen van al het nodige voorzag en op de Shetland eilanden aan land bracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delftshaven, 26 april. Heden is van de werf van de heer B. Wilton, scheepsbouwmeester en machinefabrikant, alhier, te water gelaten de sleepboot BARTEL van 100 paardenkrachten indicateur. De boot is gebouwd voor rekening van de rederij De Blauwe Ster te Rotterdam, met bestemming om dienst te doen in haar sleepdienst tussen laatstgenoemde stad en Amsterdam.
Voor rekening van dezelfde rederij werd tevens de kiel gelegd voor een sleepboot van 80 ipk, die HUBERTINE zal worden genoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 26 april. Voor rekening van de firma Van Harwegen & Den Breems alhier is gisteren te Amsterdam, van de werf de Zwarte Raaf van de scheepsbouwmeesters E.J. Bok en Zonen, met goed gevolg te water gelaten het loggerschip WILLEM BEUKELSZOON, bestemd voor de haringvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 3 april. Het Nederlandse schip ALBATROS, kapt. Koch, komt heden gereed om naar Amsterdam te vertrekken. Het Nederlandse schip OMEGA, kapt. De Boer, mede naar Amsterdam bestemd, sluit omstreeks medio dezer.


28 april 1883


  JB - Javabode

Advertentie. Claus Hensen, gezagvoerder van het Duitse schip ADELE, groot 693 tons register, vraagt gelden, geraamd op NLG 60.000, op bodemerij ten behoeve van zijn schip, vracht en thans inhebbende lading, welke laatste volgens cognossement bestaat uit 1.519 krandjangs, inhoudende 8.006 pikols Java-suiker. Het schip moet van hier naar Pekalongan verzeilen, waar de lading met circa 7.000 pikols Java-suiker moet gecompleteerd worden. Van daar is het schip bestemd naar Montreal (Canada). Inschrijvers verplichten zich aan kapt. Claus Hensen alle benodigde gelden te geven, al wordt het bedrag daarvan groter dan thans geraamd is, terwijl kapt. Claus Hensen niet gehouden is meer geld op te nemen, dan hij nodig heeft, al blijft het bedrag beneden de raming. De bodemerijbrief zal worden uitgemaakt , betaalbaar zes dagen na aankomst te Montreal tot de koers van de dag. Kapt. Claus Hensen reserveert zich zes dagen bedenktijd, gerekend van de dag der inchrijving af, en de vrijheid een aanbieding te accepteren dan wel te weigeren zonder tot aanname van het laagste bod gehouden te zijn. Aanbiedingen worden ingewacht tot vrijdag de 4e mei a.s. bij het Keizerlijk Duits Consulaat.
De wd. consul, H. Aschhoff.
(opm: de ADELE, kapt. Hensen, is op 18 mei van Batavia naar Pekalongan vertrokken)


  JB - Javabode

Een medewerker van één onzer bladen heeft zich met een onderzoek naar de stand der Nederlands-Indische scheepvaart bezig gehouden, vooral met de vraag hoe het daarbij met het personeel gesteld is. De uitslag is bedroevend. Van de 360 op Nederlands-Indische zeebrieven varende schepen zijn de meeste kleine schoeners; slechts 40 zijn van meer dan 100 ton inhoud (31 boven 100, 7 boven 200, 1 boven 300 en 1 boven 400 ton), bijna uitsluitend toebehorende aan Arabieren en door Arabische zeelieden gevoerd. Op de fregatten, barken en stomers vindt men Nederlanders, Denen, Duitsers en Engelsen, de laatste meestal als machinisten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het kofschip JANTINA, met complete inventaris, groot 63 registertons, oud 22 jaren, liggende in de haven te Delfzijl.
Informatie geven kapt. Boelens en de scheepsmakelaars Wijnne en Barends aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 26 april. Volgens particulier ontvangen telegram uit Martinique van de 24ste dezer, zal de lading van het Nederlandse schip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. Wielema, van Suriname naar Amsterdam en te Martinique afgekeurd, naar de destinatieplaats worden overgebracht met het Noorse schip BLANCHE.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 27 april. De sleepboot ONRUST is met behulp van twee tjalken heden door de heren Jacobus van Diessen en M. van der Wal gelicht en door de sleepboot MAGNET II in deze haven op het droge gebracht.


29 april 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.D. Strumphler, makelaar, presenteert als lasthebbende van zijn principalen, ten overstaan van de deurwaarder J.H. Stroethoff, bij opbod en afslag, op maandag 21 mei 1883, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal Frascati, in de Nes te Amsterdam, te verkopen een welbetimmerd en welbezeild, gezinkt schoenerschip genaamd CHARM, gevoerd door kapt. M. Hoedemaker, volgens Nederlands meetbrief lang 29,73 m., wijd 7,34 m., hol 3,56 m. en alzo gemeten op 554,65 kub. meter of 195,79 tonnen netto. Breder bij biljetten omschreven.
Voor nader onderricht vervoege men zich bij gemelde makelaars of bij de cargadoors de Wed. J. van Wesel & Zoon. Het schip ligt in het Oosterdok aan de dijk. Zijnde het schip inmiddels uit de hand te koop.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 28 april. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten een ijzeren paviljoen boeierschuit (opm: WIJNANDA) voor rekening van schipper L. Broere te Gouda, en daarna de kiel gelegd voor een ijzeren lichter (opm: ANNA), groot plm. 100 last, voor rekening van de heer H.J. Meijer te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 april. Aanstaande maandag wordt op de werf der Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen, directeur de heer J.M. van der Made, de kiel gelegd van het eerste stoomschip, dat voor de nieuwe stoomvaartlijn op Paramaribo in de vaart zal worden gebracht. Z.M. de Koning moet, naar men verneemt, het voornemen te kennen gegeven hebben om deze kiellegging bij te wonen. Zij zal plaats hebben ten elf ure. In verband hiermede wordt de naam der nieuwe boot alsnog geheim gehouden. Men zegt, dat zij H.M. de Koningin tot peet zal hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen. Het Nederlandse barkschip CORNELIS SMIT, groot 654 ton nieuwe meting, gebouwd in 1865, is uit de hand naar Porsgrunn verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 april. Het schroefstoomschip, bestemd voor de betonning enz., dat voor rekening van het Departement van Marine bij de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier zal worden aangebouwd, moet op de 1e maart 1884 ter indienststelling gereed zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 april. Volgens een bericht aan de rederij van het driemast schoenerschip REIZIGER, kapt. Alberda, de 30e januari laatstleden zeilklaar naar Falmouth voor orders, was het schip einde februari wegens lage waterstand voor de baar aldaar wachtende.


30 april 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Op de scheepswerf der Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen, aan het einde der Oostenburgerstraat, zal maandag 30 april, des namiddags te twee uur, door HH. MM. de Koning en de Koningin de kiel worden gelegd van het eerste stoomschip van de West-Indische Maildienst. Tot het bijwonen dezer plechtigheid zijn vele notabelen door de directie uitgenodigd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Pierre, Martinique, 29 maart. Het brikschip CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. G.G.A. Wielema, van Suriname naar Amsterdam bestemd, hier lek binnengelopen, heeft bij het afzeilen der Paramaribo-rivier aan de grond gezeten, waardoor het in zee komende zwaar begon te lekken. Na de lossing is het schip in het droogdok onderzocht en onzeewaardig bevonden. De lading, die onbeschadigd is, werd opgeslagen.


01 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremen, 25 april. Het schip GEERDINA, van Koningsbergen naar Vegesack met tarwe, is te Nijekjöbing lek binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 28 april. Het barkschip CORNELIS SMIT, gevoerd door kapt. C. Spaanderman, groot 654 ton nieuwe meting, gebouwd in 1865, is uit de hand naar Porsgrunn verkocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 28 april. Door de sleepboten HERCULES en ADSISTENT is heden middag hier van Terschelling binnengebracht een met de kiel naar boven drijvend wrak van een met hout geladen brik, welke onlangs door de ADSISTENT op zee was aangetroffen en waarvan naam en herkomst tot heden nog onbekend zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoop. In het Bontehuis te Sappemeer zal op donderdag de 10e mei a.s., 's avonds 7 uur, publiek à contant worden verkocht het in 1880 nieuw gebouwd en goed onderhouden tjalkschip genaamd DE VROUW TRIJNTJE, groot 71 tonnen, met deszelfs complete inventaris, thans liggende te Hoogezand, nabij de werf van de scheepsbouwer Coops, laatst bevaren door de schipper Douwe Bijlsma.
Informatiën te bekomen ten kantore van de heer J.D. Hoen, kassier te Hoogezand, bij wie het tevens uit de hand is te koop.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 april. Jongstleden donderdag (opm: 26 april) is van de werf der heren John Elder & Co. te Glasgow met goed gevolg te water gelaten het voor rekening der Stoomvaart- Maatschappij Zeeland op stapel staande stoomschip PRINSES WILHELMINA, bestemd voor de dagelijkse maildienst tussen Vlissingen en Queenboro.
(opm: een bedoelde naam; het schip kwam in de vaart als WILLEM PRINS VAN ORANJE)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 30 april. De Nederlandse schoener SYNE JACOBS, kapt. Van Dijk, van Londen bestemd naar Narva, heden alhier binnen gekomen, is zwaar lek, de lading jute zal moeten worden gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 29 april. Uit het stoomschip CITY OF ROTTERDAM is weer ongeveer 40 ton ijzer aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 april. Z.M. de Koning en de Koningin hebben heden in de voormiddag de Kweekschool voor de zeevaart bezocht en daarna van het frisse lenteweder gebruik gemaakt om een pleziervaart op het IJ te doen met de stoomboot DOLPHIJN, aan boord van welk vaartuig een dejeuner gebruikt werd.
De plechtigheid der kiellegging op de werf der Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen werd door de lange duur van het watertochtje van Hunner Majesteiten zeer vertraagd en had ten vier uur nog niet plaats gehad. Naast de beide in aanbouw zijnde grote stoomboten, bestemd voor de Maatschappij Insulinde, was voor deze gelegenheid een tribune opgeslagen, met de nationale Nederlandse en Waldeckse kleuren versierd. Een bijzonder mechaniek stond gereed om de Koningin gelegenheid te geven de door een kleed bedekte naam van het schip te ontbloten, tegelijk waarmede het eerste stuk van de voorsteven opgericht en aan de ijzeren kiel bevestigd zal worden. Het schip zal de naam ORANJE NASSAU dragen en evenals de beide andere voor de West-Indische maildienst bestemde boten voor twintig passagiers eerste, twintig tweede klasse, benevens voor goederen ruimte opleveren. De inhoud van 1.400 ton, de lengte 72 meter, de beweegkracht der machine van duizend indicateur paardenkracht zijn; het vaartuig moet volgens contract binnen acht maanden gereed zijn. (opm: bij deze gelegenheid verleende Z.M. aan de West-Indische Maildienst het predicaat Koninklijke)
De namen van de twee grotere stoomschepen der Maatschappij Insulinde zijn KONING WILLEM III en NEDERLAND EN ORANJE.


02 mei 1883


  JB - Javabode

Batavia, 2 mei. De resident van Probolingo deelt ten vervolge van een bericht in de Javasche Courant van 17 april mede, dat, toen het plaatselijk bestuur te Kraksaän kennis bekwam van de op het Russische schip AGIR uitgebroken brand, aan het verlenen van hulp niet meer te denken viel, aangezien de brand zich reeds zodanig had uitgebreid, dat het schip niet meer te beklimmen was. De gezagvoerder en de equipage hadden zich bereids aan boord van het mede ter rede liggend schip GARDEN ISLAND gered en waren spoedig daarop naar Probolingo vertrokken. Het schip brandde tot op het koper af en zonk tegen de middag van de volgende dag. De lading bestond uit 24.000 pikols suiker, waarvan pl.m. 7.000 van de fabrieken Padjarakan, Kandangdjati en Phaëton, terwijl het resterend gedeelte te Soerabaija was ingenomen. De oorzaak van de brand is tot nu toe onbekend.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 30 april. De stoomboot BARON VAN PANHUYS, van de Zuiderzee-Maatschappij, hedenmorgen met passagiers en goederen van hier naar Amsterdam vertrokken, was te ongeveer 13.00 uur voor het Krabbersgat bij Enkhuizen geankerd. Men vermoedt dat de machine onklaar is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 1 mei. Volgens een brief van 29 april van kapt. Burghout van de bark NICOLAAS, lag hij toen 3 mijl van Grangemouth reeds geankerd wegens tegenwind, gezamenlijk met wegens storm uit zee teruggekeerde schepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 30 april. Het Nederlandse schip REIZIGER, kapt. Alberda, van Maracaïbo met duigen en divi-divi is hier binnen gelopen met verlies van grote steng en top van de grote en bezaansmast.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 maart. Vrachten. De zeer geprononceerde beterschap in de positie van vrachten, waarvan men 14 dezer melding maakte, bleef ook gedurende de laatste veertien dagen aanhouden. Bijna totaal gebrek aan onbevrachte schepen maakte nieuwe afdoeningen nagenoeg onmogelijk en in de heersende behoefte is dan ook voorlopig nog niet voorzien. Het aantal arrivementen was weder uiterst beperkt. Van de te Anjer gearriveerde schepen gingen enige door naar Singapore, enige anderen, die voor Java bestemd waren, zullen na ontlossing naar vreemde havens verzeilen, en weder twee andere, die reeds lossende zijn, hebben orders resp. voor Manilla en Rangoon. Ook in die havens schijnt dus geen overvloed van onbevrachte ruimte te zijn. Naar Nederland werd voor een flinke hoeveelheid koffie NLG 45 van de Noordkust naar Amsterdam bedongen. Engagementen van licht goed kwamen in de laatste tijd slechts weinig voor en de noteringen daarvoor zijn dientengevolge nominaal. Daar echter vooral in de Oosthoek nog een en ander te verschepen is, zullen vermoedelijk binnenkort enige transacties tot stand komen. Naar het Kanaal kwam het charter tot stand van een groot schip op basis van GBP 2.10/- voor stroopsuiker ingenomen gewicht. Zowel voor droge als voor natte suiker worden in deze richting nog schepen gezocht. Naar Amerika werd een schip opgenomen voor een restant koffie uit de december-Padang-veiling en voor licht goed. Voor de de 20e dezer te Padang geveilde koffie zijn nog geen afscheepinstructies ontvangen. Naar Australië blijft een redelijke vraag bestaan. Naar Melbourne kwam een afdoening tot stand tot GBP 1.10/- voor een klein schip.
De laatste afdoeningen voor Nederlandse schepen waren: URANIA ligt aan op 17.000 pikol koffie tot NLG 45 naar Amsterdam; het stoomschip GELDERLAND koffie NLG 85, indigo NLG 120, huiden NLG 100, tabak NLG 62,540 naar Rotterdam.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: JOHANNA EN MARGARETHA, NOACH III en het stoomschip PRINS VAN ORANJE.


03 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Woensdag 9 mei 1883, te 10 uur, zal, aan de zuidzijde van de haven te Maassluis, publiek worden verkocht het wrak van het stoomschip CITY OF ROTTERDAM, zoals het zich bevindt op de lage dam, in de Nieuwe Waterweg van Rotterdam naar zee; daarna de geborgen inventaris van het zelfde stoomschip;
en na afloop daarvan: scheepsgoederen; als: ankers, kettingen, enz. afkomstig van het stoomschip EDDYSTONE; benevens enige goederen, geborgen uit dat stoomschip.
Notities later te bekomen bij Mr. L. Reeser en M. Dirkzwager Gz. te Maassluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Windau, 26 april. Het Nederlandse schip SUSANNA, kapt. Woudsma, van Newcastle naar Riga, kruist hier op de rede, hebbende door het ijs Lyserort niet kunnen passeren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Het schip SOERABAIJA, kapt. Haasnoot, is heden volgens een ontvangen telegram te Melbourne aangekomen. Schip en equipage zijn in de beste toestand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Onze Londense correspondent schrijft d.d. gisteren: Naar ik stelllig verneem, bestaat het plan bij de Stoomvaart-Maatschappij Zeeland om een dagdienst via Vlissingen in te stellen. Deze dagdienst zou aanvangen spoedig na het in de vaart brengen der nieuwe boot, de PRINSES WILHELMINA, die te Glasgow van stapel is gelopen.
(opm: zie voor naam schip onder opmerking bericht in NRC 010583)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 2 mei. Heden is door de scheepsbouwmeesters Gebr. van der Windt met goed gevolg te water gelaten het voor de haringvisserij bestemde loggerschip PRINSES WILHELMINA DER NEDERLANDEN, voor rekening van de heer P. de Niet te Scheveningen, zullende gevoerd worden door schipper S. Roeleveld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 1 mei. Gisteren is een gedeelte van de inventaris van de CITY OF ROTTERDAM alhier aangebracht, alsmede het laatste ijzer (circa 40 ton).


05 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 2 mei. Volgens particulier bericht, heeft men van het te Wildervank te huis behorend schoenerschip CATHARINA, kapt. P.J. Bekkering, op 30 december van het vorig jaar van Porto Plata, West-Indië, naar Falmouth vertrokken, sedert die tijd niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 mei. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is te Windau gearriveerd het schip NICOLAAS, kapt. Rijf, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 mei. Het Nederlandse schip SYNE JACOBS, kapt. A. van Dijk, van Londen naar Nerva, alhier zwaar lek binnen, is begonnen de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 4 mei. De Nederlandse bark MINERVA, kapt. Oostervink, de 1e mei met bestemming naar Pernovieke alhier uitgezeild, is heden zwaar lek uit zee terug gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 mei. Het Nederlandse schip SINDORO, kapt. P. Helle, vertrok 25 april van Macassar naar Soerabaja; arriveerde aldaar 30 april en werd sedert bevracht â NLG 20 per last zout van Sumanap naar Padang.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 4 mei. Volgens een bericht van de rederij is gisteren te Geestemünde gearriveerd het schip ELISABETH, kapt. Koer, van Namsos.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Woensdag 9 mei 1883, aan de zuidzijde van de haven te Maassluis, zal, na de verkoop van het wrak van het stoomschip CITY OF ROTTERDAM, enz. enz., nog publiek worden verkocht het wrak van het stoomschip BRANKSTONE, zoals het zich bevindt aan de noordelijke dam van de Waterweg van Rotterdam naar zee, alsmede de grote stoomketel, afkomstig uit dit wrak en zich bevindende aan de Hoek van Holland; een stoomkast met enige stukken ijzer, staande aan de Hoek van Holland, naast de seinpaal. Voorts ankerketting, geheel complete voedingspomp; een zuiveringspomp, nagenoeg nieuw; stukken oud ijzer, enz. enz.
Informatiën bij Mr. L. Reeser, te Maassluis.


06 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het Nederlands gekoperd en kopervast brikschip BENGALEN, groot 273 registertonnen nieuwe meting, liggende in de Kalkhaven te Dordrecht. Het schip is in oktober 1880 geheel nagezien en geopend en toen geclassificeerd bij Veritas 5/6 1.1. voor vier jaren. Het is zeer geschikt voor de houtvaart en daartoe geheel ingericht.
Reflectanten vervoegen zich bij de reders A. Sandberg en I. van Herwaarden te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens de stoomschip-circulaire van C. Möller te Londen ziet het er op de vrachtenmarkt treurig uit. In de jongste maand was er gestadig achteruitgang door het grote aanbod van tonnenmaat, dat in alle richtingen de vraag overtrof. Steeds worden intussen nieuwe stoomschepen gebouwd, die bezwaarlijk werk zullen vinden. Op verschillende vergaderingen van aandeelhouders in grote rederijen is gebleken, hoe slap het met de zaken gaat. Schoon men niet kan zien, hoe verbeteringen kunnen komen, blijven de prijzen, die voor nieuwe stoomschepen gegeven worden, goed. Er ging echter weinig in om. In kleinere schepen werd veel gedaan, dikwijls tegen sterk verlaagde prijzen. Vooral Franse reders toonden zich genegen hun kleinere schepen van de hand te doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaar L.W.F. Oudenhoven zal, ten overstaan van de notaris P.S. Hordijk, te Den Helder op donderdag 17 mei 1883, namiddags 2 uur, in het lokaal Musis Sacrum, aldaar in het openbaar verkopen het gekoperd en kopervast Franse barkschip ST. JEAN BAPTISTE, groot 435 registerton, laatst gevoerd door kapt. A. Hamel, liggende in de Binnenhaven te Nieuwediep, met deszelfs staand en lopend want en volledige inventaris.
Uitgebreide notities zijn verkrijgbaar bij de gemachtigden van de rederij, de heren Van Gijn & Co., cargadoors te Nieuwediep en bij genoemde makelaar.
Onmiddellijk na afloop zal terzelfder plaatse worden geveild 2 pitch pine masten, 2 dito stengen, verschillende ra's en andere rondhouten, alles zo goed als nieuw en afkomstig van een schip van 500 registertonnen. Voorts de prachtige vier riems giek THE FLYING EAGLE, met zomertent, alles compleet, zeer geschikt voor roei- en zeilverenigingen en hetgeen meer zal worden aangeboden.
Te bezichtigen daags voor en op de dag van de verkoop, op een van de terreinen tussen de beide scheepstimmerwerven aan de Buitenhaven te Nieuwediep.
Informatiën worden verstrekt ten kantore van de heren Van Vliet & Co., cargadoors te Nieuwediep en bij bovengenoemde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 3 mei. De Nederlandse kof TWEE GEZUSTERS, kapt. Haak, vertrok van hier om de reis rond Skagen voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heden (opm: 5 mei) ten circa 10 ure werd de WILLEM BARENTS, commandant de luitenant ter zee 1ste klasse Joh. Dalen, van de Handelskade te Amsterdam op sleeptouw naar IJmuiden gesleept, ten einde de zesde reis naar de Poolzee te aanvaarden, voornamelijk met het doel de VARNA in de Noordpoolgewesten op te sporen. Een grote menigte vrienden en belangstellenden, zowel te land als te water, de laatsten in met vlaggen rijk getooide boten, riepen een krachtig en hartelijk vaarwel toe aan de commandant, de officieren en de equipage. De officieren die de heer Dalen op zijn tocht vergezellen, zijn de heren luitenant ter zee 1ste klasse Kluit, eerst officier, en de luitenants Phaff en Kluit.
De WILLEM BARENTS vertoonde op dek een talrijk gezelschap bloedverwanten en vrienden der officieren, terwijl in de kajuit en op de kajuitskap een menigte heerlijke boeketten aan het afscheid een vrolijke en frisse gloed gaf. Nog bemerkte men met belangstelling aan boord de tegenwoordigheid van de heer Leigh Smith, eigenaar der HOPE, in het vorig jaar door de WILLEM BARENTS, gezocht en gevonden, van de heer Clement Markham, president der Geographical Society te Londen, en met zeker niet minder genoegen en belangstelling zag men eveneens aan boord de oud-commandant der WILLEM BARENTS, de heer Hoffman, luitenant ter zee 1e klasse.
De WILLEM BARENTS werd op zijn sleeptocht naar IJmuiden vergezeld door twee vierriemsgieken, geroeid en gestuurd door studenten van Leiden en Utrecht. Deze belangstelling stelden commandant Dalen en zijn officieren zeer op prijs, en zij nodigden deze heren even voor IJmuiden uit bij hen aan boord te komen, waaraan deze heren gaarne voldeden.
Aan boord van de WILLEM BARENTS werd menig hartelijk woord gesproken voor het welgelukken van deze tocht. De heer Boissevain deed enige liederen aan boord zingen, o.a. het Nederlands Volkslied en een “Song of the childeren for the Polar Knights”, door 5 zijner kinderen; deze coupletten, in het Engels gezongen, waren een welgemeende hulde aan de Engelse poolreizigers tegenwoordig en aan de Nederlandse officieren die eveneens hun sporen op het veld der Noordpoolreizen verdienden.
Te IJmuiden aangekomen voegden zich bij het reeds talrijke gezelschap de heren Allen Young en Grant, welke laatste eveneens de reis met de WILLEM BARENTS medemaakt. De commandant der ZEEMEEUW, de overste De Bruine, deed de vriendelijke en zeer gewaardeerde uitnodiging aan het talrijk gezelschap om met de ZEEMEEUW de WILLEM BARENTS zeewaarts te begeleiden. Dit aanbod kan men denken dat door dames en heren hartelijk gaarne werd aangenomen.
Ten half vier sleepte de sleepboot de WILLEM BARENTS buiten de hoofden ongeveer een kwartier in zee, liet de kabels glippen, en met bijgezette zeilen zette het ranke scheepje koers naar het Noorden. Een krachtig, driewerf herhaald hoera riep de koene reizigers een hartelijk en laatst vaarwel toe. De commandant der ZEEMEEUW deed de steven wenden en ontscheepte zijn passagiers te IJmuiden. Na een hartelijke handdruk, waarbij een dankbaar woord gesproken werd, namen de vele dames en heren afscheid van de commandant De Bruyne en van de aan boord eveneens aanwezige overste, de heer De Weijs.
Namens de passagiers der ZEEMEEUW kan ik de verzekering geven, dat de dames en heren de beste herinneringen zullen behouden aan het uitzeilen der WILLEM BARENTS en aan de aangename persoonlijke kennismaking met de commandant der ZEEMEEUW De Bruyne en zijn vriend de overste De Weijs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 3 mei. Het wrak van het Nederlandse schip REMKE KLEIN heeft in veiling 400 mark opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 4 mei. Het alhier van Terschelling binnengesleepte wrak is naar de Marinewerf gebracht om het door middel van de mastenbok te kenteren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 2 mei. Het Nederlandse brikschip HELENA ANNA, kapt. H. Hokkelman, van Cardiff naar Tampico bestemd geweest met spoorijzer en 2 december hier lek binnen gelopen, werd hier afgekeurd en verkocht. Het is nu als driemastschoener opgetuigd en zal onder Engelse vlag varen.
(opm: volgens Leslie Spurling, werkend bij Lloyds Register, is het schip, nog steeds als HELENA ANNA, pas in de tweede wereldoorlog gesloopt om als brandhout te dienen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens een heden ontvangen telegram is het schip MARIE, kapt. Van Overkllift, van hier te Soerabaja gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 mei. Het Nederlandse barkschip PRINSES WILHELMINA, kapt. Blanken, van Rotterdam naar Batavia, is met gebroken roer te Lissabon binnen gelopen.


07 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 3 mei. Het barkschip ELIZABETH, kapt. W. Koen, van Namsos, is volgens particulier telegram, heden behouden te Bremerhaven aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 4 mei. De te Pekela te huis behorende galjoot CORNELIA, kapt. H.H. Drok, van Greetsiel naar Laurvig bestemd, is gisteravond hier binnengekomen. De kapitein is op de reis overleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 mei. Het Nederlandse schip WATERGEUS, kapt. Kuiper, van Tayport naar Kopenhagen, is lek te Leith binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 mei. Het schip SIJNE JACOBS, kapt. Van Dijk, van Londen bestemd naar Narva, werd door aanhoudend stormweder uit het Oosten in de Noordzee zwaar lek. Men moest de pompen voortdurend gaande houden en om te trachten de lekkage te verminderen werden op 23 april twee zeilen onder het schip door gehaald, doch daar het schip niet te regeren was, werd men genoodzaakt de zeilen weder weg te nemen, waarbij veel schade aan zeilen en touwwerk werd veroorzaakt. De gezagvoerder besloot, daar de lekkage bleef toenemen, de Eems binnen te lopen en ankerde de 29e bij Borkum. Met behulp van een sleep- en een roeiboot en met assistentie van pompers is het schip te Delfzijl binnen gekomen. Daar het lek niet boven water is, moet de lading gelost worden. Men vermoedt dat van de lading, uit jute bestaande, de onderste laag beschadigd zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappij Nederland. De directie maakt bekend, dat het dividend over 1882 is vastgesteld op 6,2 % en vanaf heden betaalbaar gesteld zal worden ten kantore der Kas-Vereeniging alhier tegen intrekking van het dividend-bewijs no.9.
Amsterdam, 5 mei 1883.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 mei. Volgens een particulier bericht is het stoomschip ALBLASSERDAM de 5e mei van Bilbao herwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Woensdag 9 mei 1883, aan de zuidzijde van de Haven te Maassluis, zal, na de verkoop van het wrak van het stoomschip CITY OF ROTTERDAM, enz., nog publiek worden verkocht het wrak van het stoomschip BRANKSTON, zoals het zich bevindt aan de noordelijke dam van de Waterweg van Rotterdam naar zee, alsmede de grote stoomketel, afkomstig uit dit wrak en zich bevindende naast het wrak aan de Hoek van Holland, een stoomkast met enige stukken ijzer, staande aan de Hoek van Holland, naast de Seinpaal, voorts ankerketting, geheel complete voedingspomp een rijnpomp, nagenoeg nieuw; stukken oud ijzer, enz., enz.
Informatiën bij Mr. L. Reeser, te Maassluis.


08 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 31 maart. Heden werd hier bevracht de volgende Nederlandse schepen: CATHARINA, kapt. Mulder, met beenas naar het Kanaal tot Sh.27/6, ZUURDIJK, kapt. Olthoff, tot 400 Reis met vlees naar Bahia of Fernambuck, H.R.LEEMHUIS SR., kapt. Rentema, IPE IPEUS, kapt. Houwen, ZODIAC, kapt. Schenk, alle drie naar As en terug met zout naar hier tot 575 reis. Er liggen 15 onbevrachte schepen in de haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 april. Vrachten. Nu het aantal beschikbare schepen zozeer is verminderd, heeft men hogere cijfers moeten besteden. Bevracht werd de JOHANNA EN MARGARETHA stroopsuiker tot Sh.50/- per ton netto ingenomen gewicht naar het Kanaal voor order.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: NOACH III en MEDEA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 mei. Het Nederlandse schip GEBROEDERS JANZEN, kapt. Petersen, van Londen naar Riga, is met gebroken boegspriet te Elseneur binnen gelopen, zijnde in aanvaring geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het verslag der Stoomvaart-Maatschappij Java vangt aan met in het kort te wijzen op de veranderingen die tengevolge van de arbeid der Commissie, het vorige jaar benoemd, in de winst- en verliesrekening en balans over 1881 is aangebracht. Bij de eerst aangebodene was voorgesteld een afschrijving op de stoomschepen van NLG 103.000,- en een reserve van NLG 65.000,- op rekening der kosten van vernieuwing van dekken en ketels van het stoomschip CELEBES, en sloot de winst- en verliesrekening, bij een daarin ook opgenomen nadelig saldo op de verkoop van het stoomschip JAVA met een debet cijfer van NLG 276.389,99. De Commissie was echter van oordeel, dat, dáár waar reeds door de verkoop der JAVA een nadelig saldo bestond, niet moest worden overgegaan tot verdere verhoging door genoemde afschrijving en reserve, en stelde dus voor die beide posten van NLG 103.000,- en NLG 65.000,- te doen vervallen, welk voorstel in de verdaagde algemene vergadering van 29 juni d.a.v., in welke de commissie haar verslag uitbracht, door aandeelhouders werd goedgekeurd. De alzo toen gewijzigde balans en winst- en verliesrekening werd ook in druk voor aandeelhouders verkrijgbaar gesteld.
Alsnu overgaande tot behandeling der resultaten over het jaar 1882, gaat het verslag voort, zullen wij daarbij zoveel mogelijk voldoen aan de door de Commissie in haar rapport uitgesproken wens: “dat de balans en winst- en verliesrekening in het vervolg meerder inlichting zal geven, opdat de aandeelhouders zoveel doenlijk, de toestand der maatschappij vollediger kunnen nagaan.”
Het netto saldo der exploitatie over 1882 bedraagt voor de Stoomvaart Maatschappij Java NLG 151.171,77½.
Ter toelichting strekke het volgende: In het jaar 1882 werden door de stoomschepen der maatschappijen Nederland en Java 31 reizen volbracht, waarbij nog komt de laatste reis van het verongelukte stoomschip KONING DER NEDERLANDEN. Van de afrekening van die laatste reis van dat stoomschip genoot de Maatschappij Java voor haar aandeel NLG 18.271,73½ en van de overige 31 reizen, alsmede van mailgelden, nagekomen baten op afgesloten reisrekeningen, en provenu van oude materialen en proviand afval NLG 419.018,21 tezamen NLG 437.289,95½; het aandeel in de saldo’s van die reizen en verdere baten was van 24,28 tot 18,48 % naarmate van het in de vaart brengen door Maatschappij Nederland der nieuwe stoomschepen PRINS ALEXANDER, PRINS FREDERIK, INSULINDE en PRINSES WILHELMINA.
Zoals ook uit genoemd commissierapport blijkt, was op de eerste negen van bovenstaande 31 reizen, aangevangen vóór 31 december 1881, maar op die datum niet afgelopen, een winst geboekt op 31 december 1881, maar op die datum niet afgelopen, een winst geboekt op 31 december 1881 in verhouding der dagen van die reizen in dat jaar van NLG 68.000,-. Voor 1882 bleef dus over NLG 369.289,94½, en hierbij voegende huur over 1882 der kolenloods te Batavia NLG 900,-, en saldo van toevallige kleine baten NLG 373,05½, samen 1.273,05½, geeft een bruto cijfer van NLG 370.563,-. Hiervan gaat af voor assurantiepremie, onderhoud en reparatie over de daartoe behorende reizen van stoomschepen der Maatschappij “Java”, namelijk:
CELEBES 14de en 15de reis, MADURA 14de en 15de reis en KONINGIN EMMA 7de, 8ste en 9de reis NLG 206.658,52½ en de op 31 december 1882 betaalde annuïteit, die zoals in bovengenoemd Commissierapport is vermeld, haar oorsprong heeft in een schuld groot NLG 123.663,18, veranderd in gelijke annuïteiten, die nog moeten worden voldaan tot 1892 NLG 12.732,70, samen NLG 219.391,22½. Blijft over in de winst- en verliesrekening vermelde netto bedrag van NLG 151.171,77½.
Hoewel de meergenoemde Commissie zich in beginsel kon verenigen met een boeking op rekening van winsten van vóór 31 december begonnen, maar op die datum nog niet afgelopen reizen, hebben wij echter gemeend, dit stelsel niet te moeten handhaven, maar, te beginnen met deze balans, alleen de afgelopen reizen te moeten in aanmerking nemen.
Onder de cijfers van onderhoud zijn wat betreft de MADURA NLG 20.154,50 voor een nieuwe stalen schroefas, nieuwe sloepen met inventarissen en toebehoren en ijzeren davits, en wat betreft de KONINGIN EMMA NLG 4.633,66, mede voor 4 nieuwe sloepen, tezamen een op dit jaar drukkende buitengewone uitgaaf van NLG 24.788,16, die in het belang van de passagiersdienst niet was te vermijden.
Vergelijken wij nu de resultaten van 1882 met die van 1881, waarin gemaakt werden 24 reizen en het stoomschip JAVA tot augustus in de vaart was, dan blijkt daaruit het volgende: dat het aandeel der Maatschappij Java in 1881 in verdiende vrachten, hulp en sleeplonen, mail en andere baten, en mede inclusief NLG 900,- huur kolenloods te Batavia, bruto bedroeg NLG 632.924,05½
(het percentage was toen over de twee laatste reizen 24,28 %
en over de overige en verdere baten 26,44 %)
waarvan afging:
Assurantiepremie en onderhoud over acht reizen NLG 236.047,89
Assurantiepremie en onderhoud stoomschip JAVA, zolang in dat jaar
nog in de vaart was NLG 17.993,14
Afschrijving van saldo’s van vroegere buitengewone
vernieuwingen aan de stoomschepen NLG 16.582,00
Vermindering van winstboeking op lopende reizen van
NLG 153.000,- op NLG 68.000,- (nu geheel vervallen) NLG 85.000,00
en de betaalde vierde annuïteit NLG 12.732,70
zodat overbleef een netto bedrag van NLG 274.568,32½
Het verschil van bruto winstaandeel tussen beide jaren, bedraagt dus ten nadele van 1882 het belangrijke cijfer van NLG 194.361,95½, waardoor zeker voldoende zal zijn toegelicht de nietverwezenlijking der gunstige verwachting van dat jaar, die in het eerste gedeelte mocht worden gekoesterd, op grond van toen bekende reisresultaten, die voor de latere reizen belangrijk zijn verminderd, voornamelijk door lage vrachtcijfers uitgaande, en gedeeltelijke wanruimte op tehuisreizen.
Voortgaande met te toelichting der winst- en verliesrekening volgt nu het afgeschreven cijfer voor betaalde rente à NLG 87.132,05.
Renterekening werd debet voor interest der obligatieschuld over 1882 NLG 84.425,- , en voor rente aan de Maatschappij Nederland over saldo’s van voorschotten voor stoomschip KONINGIN EMMA, waarloze machinedelen en klasseverbetering stoomschip MADURA NLG 6.673,-, in het credit kwam: rente van 40 obligaties in het bezit der maatschappij Java, en van in 1882 tijdelijk uitgezette gelden NLG 3.965,95, rest het afgeschreven debet saldo van NLG 87.132,05.
De afschrijving NLG 1.957,16 saldo van de onkostenrekening (vorig jaar niet voorgekomen), is nu nodig, omdat het bedrag van het door Maatschappij Nederland volgens overeenkomst gerestitueerd administratieloon (waarop in het rapport der commissie ook wordt gewezen), thans onvoldoende bleek ter compensatie van voormelde rekening, waarvan de oorzaken zijn: a. de lagere bruto vracht en passagecijfers waarover het administratieloon en de uitkering wordt berekend, en b. de vernieuwing van het stoomschip CELEBES waardoor de uitkering verviel over één reis, die het schip minder deed, dan anders het geval zou zijn geweest.
De afschrijving op het hoofd van rekening Geldleningsdienst ad NLG 10.398,50 is geheel in verhouding tot de in 1882 uitgelote obligaties, en op die wijze jaarlijks, overeenkomstig de uitlotingen voortgaande, zal die post zijn gedelgd als alle obligaties zullen zijn afgelost.
Door de afschrijving van NLG 3.010,- op de bij diverse debiteuren gespecificeerde effecten in portefeuille, zijn die gesteld op beurskoers.
En zo blijkt dus, dat hoezeer teleurstelling is ondervonden in reissaldo’s, voornamelijk van het tweede gedeelte van 1882, en op dat jaar drukt een buitengewone uitgaaf van NLG 24.788,17 (terwijl nu ook geen winstboeking is gedaan op lopende reizen), toch nog een bate is verkregen van NLG 48.674,06½, waardoor het debet van NLG 108.309,99, waarmede het jaar werd aangevangen, op ultimo december is verminderd tot op NLG 59.715,92 ½.
Overgaande tot toelichting der balansposten, worden daarop het eerst ontmoet de drie stoomschepen der maatschappij tot hetzelfde bedrag als de vorige balans, daar nu geen afschrijving daarop is kunnen geschieden; hierbij kan echter worden vermeld dat zij zich door nauwkeurig en zorgvuldig onderhoud (waaraan telkens belangrijke sommen zijn besteed) in uitmuntende toestand bevinden.
Het verzekeringscijfer op elk schip gesloten is thans als volgt: stoomschip MADURA NLG 578.000,-, stoomschip SOENDA (ex CELEBES) NLG 577.500,-, stoomschip KONINGIN EMMA NLG 675.400,--; totaal 1.830.900,-. De specificatie van de post diverse debiteuren is:
Betaalde assurantiepremie en onderhoud stoomschip MADURA 16e reis, behorende tot 1883 NLG 28.666,87. Assurantiepremie stoomschip KONINGIN EMMA, 10e reis, mede behorende tot 1883 NLG 14.742,83. Waarde waarloze machinedelen aan boord der stoomschepen NLG 23.171,82. Restant van een oude vordering, die reeds belangrijk is verminderd en successievelijk wordt afbetaald NLG 890,44. 40 obligaties Java, groot NLG 1.000,- à 95 % + rente verschijnende 1 januari 1883 en één aandeel IJsploeg à NLG 500,- NLG 39.500,--. 15 liquidatie aandelen à NLG 250,- der firma E. Moorman & Co. à 65 % NLG 2.437,50. Saldo van Maatschappij Nederland op 31 december 1882 NLG 24.991,92½. Totaal NLG 134.391,28½.
Door hetgeen in 1882 van ons aandeel in reissaldo’s weder is gecrediteerd op de post klasseverbetering ss MADURA is ons debet te dier zake bij maatschappij “Nederland” dat op 1 januari bedroeg NLG 14.549,92 met ultimo december gedaald tot op NLG 6.617,67 ½. Op deze wijze voortgaande, zal ook dat saldo weldra geheel zijn verdwenen en het daartoe aangewend wordende gedeelte onzer percentage, blijvend komen ten bate der winst- en verliesrekening.
Aangaande het stoomschip CELEBES (herdoopt SOENDA), dat gedurende de daaraan verrichte werkzaamheden aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier, deszelfs aandeel in het percentage heeft behouden, kan worden medegedeeld, dat de aannemingsom voor de bij bestek uitvoerig beschreven vernieuwingen van dekken en ketels en verdere herstellingen bedraagt NLG 159.150,- en dat de som van NLG 124.323,82, waarvoor dat stoomschip te dier zake op de balans afzonderlijk voorkomt, voortspruit uit betaling in 1882 van drie termijnen à NLG 40.000,- en van NLG 4.323,82 voor toezicht en brandverzekeringpremie. Van de aannemingsom bleef dus nog te betalen NLG 39.150,- en het bedrag van verder noodzakelijk gebleken vernieuwingen en werkzaamheden, waarvan het bedrag tezamen op pl.m. NLG 25.000, waar tegenover staan een besparing van pl.m. NLG 45.000,-, die anders nodig zouden zijn geweest voor gewoon onderhoud en reisverzekeringspremie gedurende de ruim zeven maanden, die het schip in reparatie is geweest. Tengevolge van de buitengewoon zwaar gebouwde romp kan de SOENDA thans met een geheel nieuw stoomschip worden gelijkgesteld.
Tenslotte een specificatie van de post diverse crediteuren ad NLG 158.213,99.
Maatschappij Nederland nog komende wegens saldo voorschot op de bouw van het stoomschip KONINGIN EMMA NLG 85,000,-. Waarloze machinedelen aan boord der stoomschepen NLG 20.150,-. Klasseverbetering stoomschip MADURA NLG 6.617,67½. Obligatierente 1 januari 1883 NLG 41.875,-. Saldo assurantie premie 1882 NLG 4.571,31½.
En hiermede geloven wij aan de te kennen gegeven wens om meerdere inlichtingen te hebben voldaan.
5 % geldlening. In 1882 werd voor een bedrag van NLG 59.000,- aan obligaties uitgeloot, makende met de vroegere uitlotingen een totaal van 356 waarvan tot 31 december 1882 waren afgelost 325, zodat het bedrag der lening op de balans nu voorkomt met NLG 1.675.000,-.


09 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Queensbro, 5 mei. Het Nederlandse stoomschip PRINSES MARIE heeft bij het binnenlopen van Vlissingen de schoener LITTLE KATE, van Londen naar Caen, in de grond gevaren; het volk is gered.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 8 mei. Het kenteren van het de 28e april jl. alhier van Terschelling binnengesleept – met de kiel boven drijvend – wrak, heeft onder opzicht van de scheepsbouwmeester Tinkelberg, met behulp van de mastbok op ’s Rijks werf plaats gehad. Had men gehoopt daarna omtrent de naam van het schip zekerheid te verkrijgen, hierin werd men teleurgesteld, daar de spiegel geheel was weggeslagen. De lading, bestaande uit kort gezaagd hout, kwam door de luiken naar boven en drijft gedeeltelijk in het dok rond.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 8 mei. Heden is met goed gevolg te water gelaten bij de scheepsbouwmeester L. van Dam alhier de logger AVONTUUR, voor rekening van Mej. de Wed. P. Krul te Scheveningen, zullende gevoerd worden door stuurman A.L. Dijkhuizen, bestemd voor de haring- en trawlvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 6 mei. Het Nederlandse kofschip HELENA, kapt. Pluktje, van Hamburg met palmpitten naar Aarhuus, is gisteren op de Westzijde van Sproge gestrand. Nadat een gedeelte van de lading overboord was geworpen, is het dezelfde avond met assistentie van de bergingsstoomboot SKANDINAVIEN afgebracht, en te Korsoer aangeland. Het schip heeft geen schade geleden, doch zal, eer het de reis voortzet, door duikers onderzocht worden.


10 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 6 mei. Het Groninger kofschip HELENA, kapt. H.E. Pluktje, van Hamburg met palmpitten naar Aarhus, is gisteren op de westzijde van Sprogö gestrand. Nadat een deel der lading overboord was geworpen, is het dezelfde avond met assistentie van de sleepboot SKANDINAVIEN af- en te Korsoer binnengebracht. Het schip heeft gene schade geleden, doch zal, eer het de reis voortzet, door duikers onderzocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens nadere mededeling wordt bij de naamloze vennootschap de Rotterdamsche Lloyd, zijnde een vereniging der verschillende rederijen van de heren W. Ruys & Zonen, tot enig directeur dier maatschappij diezelfde firma benoemd.
(opm: helaas is een eerder bericht over de oprichting van de Rotterdamsche Loyd niet gevonden)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 8 mei. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. van der Kuijl te water gelaten het voor rekening van de heer Jos. Poss gebouwde ijzeren Rijnschip, groot 370 last.
Darrna werd de kiel gelegd voor een ijzeren Rijnschip, groot 425 last, voor rekening van de heer H. Leinweber te Lobith.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 9 mei. De inventaris van het stoomschip CITY OF ROTTERDAM heeft heden in veiling opgebracht NLG 4.000 en het wrak NLG 150.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Over het jaar 1882 wordt door de Koninklijke Maatschappij De Schelde een dividend van 6 % uitgedeeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 6 mei. Het barkschip GEBROEDERS JANSEN, kapt. Petersen, van Londen naar Riga, is gisteravond alhier binnen gekomen, na in aanzeiling te zijn geweest met het Duitse barkschip LUCIA. Het schip heeft enige schade boven water, kluiverboom en boegspriet gebroken en geraakte bij het inslepen in aanvaring met het in de haven liggende stoomschip ELLEN, waardoor beide schepen schade leden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 8 mei. De als bijlegger hier binnen gekomen Nederlandse schoener SYNE JACOBS, kapt. Van Dijk, van Londen naar Nerva bestemd , is thans geheel uitgelost; alleen de onderste laag van de lading, bestaande uit jute, is door water beschadigd. Na de reparatie van het schip zullen de goederen, thans in een lichter geborgen, weder worden ingenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 7 mei. Het Nederlandse kofschip HELENA, kapt. Pluktje, is door een duiker nagezien, heeft geen schade geleden en zal de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 mei. Kapt. Helie, voerende het Nederlandse schip SINDORO, van Cardiff te Macassar aangekomen, schrijft vandaar dat hij in de nabijheid van Macassar over een niet op de kaart getekend rif heeft gevaren, waardoor het schip een gedeelte van het koper verloor en een weinig water maakte.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 mei. Het onlangs door sleepboten van Terschelling hier aangebracht onderste boven drijvend wrak is na een paar door het breken van de kettingen mislukte pogingen door middel van de mastbok op ’s Rijkswerf gekenterd. Omtrent de naam van het schip verkeert men echter nog in het onzekere. De lading bestaat uit kort gezaagde kolders.


11 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 9 mei. Schipper Lab, van de loodskotter No. 9, heden hier binnengekomen, rapporteert eergisteren Kijkduin O.t.Z. 2½ mijl uit de wal te hebben gepraaid de bark BROUWERSHAVEN, kapt. Teensma, van Amsterdam naar Wyborg. Alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 9 mei. Volgens telegram is van hier te Krageroe aangekomen het schip JANTJE, kapt. Visser, Alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 9 mei. Volgens brief van kapt. Tap, voerende het brikschip JOHANNES, uit Elseneur aan de rederij, gedateerd 6 mei, had hij op de reis van Amsterdam naar Memel aan houdend harde oostelijke winden doorgestaan. Aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 10 mei. Van de werf van de heren Gebr. B. Pot te Elshout is met goed gevolg te water gelaten het loggerschip DE AMSTEL, bestemd voor de haringvisserij. Het zal varen onder de rederij van de heren Hoogerwerff te Vlaardingen en gevoerd worden door schipper Adrianus Hopman. Na afloop daarvan werd de kiel gelegd voor een soortgelijk vaartuig voor rekening van dezelfde heren, hetwelk genaamd zal worden DE VECHT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 9 mei. Heden is van de werf van de Gebr. Jonker met goed gevolg te water gelaten het ijzeren stevenaak schip JUNIOR, voor rekening van de heer J. Vischer te Schiedam. Daarop is de kiel gelegd van een ijzeren sleepschip genaamd KOOPHANDEL, voor rekening van de heer L.A. Kasberg te 's-Hertogenbosch.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 mei. Het barkschip LUCIE, kapt. Behrendt, van Stettin naar Liverpool met hout en zink, hetwelk met het Nederlandse barkschip GEBROEDERS JANSEN in aanvaring was, werd met schade midscheeps hier in de haven gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lekkerkerk, 9 mei. Bij de scheepsbouwmeester T. van Duyvendijk is te water gelaten een boeierschip, gebouwd voor rekening van de heer A. van der Wal te Groot Ammers, en de kiel gelegd voor een ijzeren paviljoenboeier voor rekening van de heer A. van der Werken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen 9 mei. Volgens een brief van kapt. Tap, voerende het brikschip JOHANNES, uit Elseneur aan de rederij, gedateerd 6 mei, had hij op de reis van Amsterdam naar Memel, aanhoudende oostelijke wind doorstaan. Alles wel aan boord.


12 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 11 mei. Een Noorse stoomboot, naam onbekend, zit op de West aan de grond. Een sleepboot en lichters vertrekken derwaarts.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 10 mei. Het stoomschip PRINS VAN ORANJE, kapt. Wakker, van Batavia herwaarts, arriveerde de 8ste dezer te Aden en zou heden de reis voortzetten. Het bericht dat uit Londen wordt geseind, als zoude dit stoomschip enige lichte schade aan de machine hebben, is blijkens ontvangen mededeling, bij de directie der Stoomvaartmaatschappij Nederland niet bekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen 10 mei. Het Nederlandse schip ELISABETH, kapt. De Jonge, van Gent met suiker naar St. Petersburg, is op het rif van Anholt gestrand, doch met assistentie afgesleept en te Elseneur binnen gebracht. Hulploon 4.000 Kronen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 10 mei. Blijkens een alhier ontvangen schrijven van kapt. Blanken, voerende het Nederlandse barkschip PRINSES WILHELMINA, van Rotterdam naar Batavia, brak in de avond van de 24e april onder zwaar stormweer de stuurpen van het roer, en is het schip ter reparatie hiervan te Lissabon binnen gelopen. De gezagvoerder hoopt binnen enkele dagen weer te kunnen vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 11 mei. Heden is met goed gevolg te water gelaten bij de heer Joost Pot alhier de logger MINERVA I, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij, zullen de gevoerd worden door stuurman Am. van der Windt, voor rekening ener rederij onder directie van de bouwmeester.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 10 mei. Op de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. alhier zijn de kielen gelegd van twee ijzeren schroefsleepstoomboten, één te bouwen voor rekening van de heer I. Hüttner te Buderich bij Wesel en één voor rekening van de heren I. van Steen en H. Neffkens te Dinteloord. De machines en ketels voor beide boten worden vervaardigd in de fabriek van de heren Burgerhout & Zoon te Rotterdam.


13 mei 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

IJmuiden, 12 mei. Het heden nacht hier binnengekomen stoomschip PRINS FREDERIK van de Maatschappij Nederland volbracht de jongste reis van Batavia naar hier in 37½ etmaal; dit stoomschip heeft in een tijdsverloop van een jaar plus een dag juist drie reizen naar en van Indië gedaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 11 mei. De Salvage Association heeft het volgende telegram uit Lissabon van 10 mei ontvangen:
Men is bezig het koper voor en achter af te nemen om naar het lek te zoeken. De PRINS HENDRIK maakt 1½ duim water per uur. Men gelooft dat het lek onder in het schip zit.
De PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, van Cardiff naar Atjeh, liep 22 april lek te Lissabon binnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 12 mei. Uit het stoomschip ANASTASIA zijn enige granen en een gedeelte van de inventaris geborgen en alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 12 mei. Van de werf, toebehorende aan de heer Joost Pot alhier, is heden met goed gevolg te water gelaten de logger MINERVA II, voor rekening ener rederij onder directie van de bouwmeester, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij, zullende gevoerd worden door stuurman Jacob van Dorp.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 11 mei. Het stoomschip ANASTASIA, van Reval, is op de West, tussen de gasboei en het wrak van de FERHAM vastgeraakt en werd door de sleepboten ROTTERDAM, GOEREE en ANTHONY geassisteerd; het zit thans in het vaarwater aan de grond. Lichters en werkvolk zijn van hier derwaarts gezonden.
De ANASTASIA is in de Waterweg gezonken, de equipage is met de reddingboot van Hoek van Holland aldaar aan wal gebracht.
Bericht van12 mei: uit de ANASTASIA is 300 mud graan hier aangebracht.


15 mei 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Unter der Hand zu verkaufen ein aus Eisen gebauter Raddampfer, zum Schlepper sind Rumpf und Modell gut und gefällig, Maschine, welche getrennt ist, 110 Pferdekraft. Alle Verrichtungen zum Schleppdienst sind an Bord, Tiefgang mit Buncker voll von Kohlen sechs Futs bremisch. Der Dampfer hat hinten eine schöne grosse Cajüte, welche für Passagierfahrten sehr passend ist. Näheres über Preis und sonstige Auskunft ertheilt Heinr. Gerhd. Fisser.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Nederlandsche Stoombootmaatschappij. De directie maakt bekend:
1. dat de commissie van rekening in haar vergadering van 12 april jl. heeft besloten om over 1882 een dividend van 7 % uit te keren, betaalbaar sedert 1 mei jl. tegen intrekking der coupon no. 4;
2. dat de goedgekeurde balans met bijlagen gedurende mei aan het kantoor der Maatschappij voor de aandeelhouders ter kennisneming ligt;
3. dat de jaarlijkse algemene vergadering van stemhebbende aandeelhouders zal worden gehouden op zaterdag de 26e mei a.s., des middags 2 uur, in de receptiekamer te Fijenoord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur 11 mei. Het Nederlandse schip GEBROEDERS JANZEN, kapt. P. Petersen, met schade binnen, zal waarschijnlijk de gehele lading moeten lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 april. Vrachten. Sedert uitgifte van het bericht van 21 passato bleef de stemming in alle richtingen zeer vast, en wanneer het aantal afdoeningen slechts gering is, zo is zulks alleen te wijten aan gebrek aan passende schepen. Nieuwe arrivementen, althans van onbevrachte schepen, bepaalden zich tot twee. Van in de vreemde om op Java te laden gecharterde bodems kwamen te Samarang eveneens twee aan. Naar Nederland werden geen nieuwe charters gesloten. Het aanbod van lading wordt echter iets ruimer. Naar het Kanaal houdt de koers zich staande op GBP 2.10/-, waartoe opnieuw werd afgedaan en wat nog steeds geboden wordt. Naar Amerika werd een klein schip bevracht voor een volle lading koffie van Batavia tot GBP 2.12/6 en een van enigszins grotere capaciteit voor koffie van Padang voor GBP 2.10/0, beide naar New York. Er zou nog een handig schip te plaatsen zijn. Naar Australië werd ruimte gezocht en opgenomen tot GBP 1.7/6 voor suiker naar Melbourne; daar het betreffende schip van groot charter is, stelt het verkregen cijfer geen verlaging bij de jongste afdoening daar. De laatste afdoening van een Nederlands schip was het stoomschip PRINS VAN ORANJE NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 67.50 tabak, NLG 120 indigo naar Amsterdam en Ffrs 90 peper en tot geheime vracht suiker naar Marseille.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: NOACH III en MEDEA en de stoomschepen DRENTHE, MADURA en C. FELLINGER.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 mei. De lading beenderen en beenas, aangebracht per het Nederlandse schip NAUTILUS, kapt. Koster, van La Paz te Falmouth, is bestemd voor Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 14 mei. Volgens een alhier ontvangen telegram is heden te Riga aangekomen het Nederlandse schip ANNA, kapt. Gosselaar.


16 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 13 mei. Volgens een door ons gisteren ontvangen telegram is het schoenerschip JOHANNA, kapt. Rottinghuis, van Malmö te Nyland gearriveerd; alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 14 mei. Volgens hier ontvangen telegram is heden te Riga aangekomen het schip ANNA, kapt. Gosselaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 13 mei. Hedennacht is op de zogenaamde Pannekoek in de Noordergronden gestrand de Noorse bark HUGIN, kapt. Eitrein, van Galveston met lijnkoeken naar Hamburg; de equipage die het schip met eigen boot had verlaten, is door de loodskotter No. 10, schipper Wijker qq, opgenomen en alhier aangebracht.
Later bericht. De HUGIN is door de sleepboten HERCULES en STAD AMSTERDAM af- en hedenmiddag zwaar lek hier binnengesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Finale verkoop van een tjalkschip. Deurwaarder J.W. Drijfhout te Sneek zal zaterdag 19 mei 1883, 's avonds 7 uur, in het logement De Wildeman van A. Knol, te Lemmer, publiek finaal verkopen een in uitmuntenden staat verkerend overdekt tjalkschip, genaamd de KOOPHANDEL, groot 53 tonnen, met complete inventaris, liggende te Lemmer, laatst bevaren door J. Duiker in de beurt van Groningen op Amsterdam v.v.
Gegadigden kunnen omtrent de wijze van betaling der koopsom en verdere voorwaarden informatie bekomen ten kantore van genoemde deurwaarder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juni. Het Nederlandse schip AMSTEL, kapt. Outgens, is heden van Probolingo te Falmouth aangekomen. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 april. De gezagvoerder Le Breton, van het Franse schip AUGUSTE, van Newport naar Hongkong, alhier met schade binnen, vraagt NLG 28.500 bodemarij ter bestrijding van de gemaakte kosten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 mei. Het schip VRIJHEID, kapt. Nadort, van de Molukken naar Amsterdam, is op zee verlaten. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 mei. Het alhier binnen gebrachte Nederlandse schip ELISABETH, kapt. De Jonge, van Gent naar Petersburg, is lek, en moet lossen en dokken om te repareren.


  AH - Algemeen Handelsblad

De ADDER. Door de heer J.A. van de Velde, sedert 1 mei gepensioneerd als schout-bij-nacht, die tijdens het vergaan van de ADDER marine-commandant te Hellevoetsluis was, is onder dagtekening van 25 april het volgende adres aan de Koning gericht:
Aan Zijne Majesteit de Koning.
Met de meeste eerbied nadert de ondergetekende, schout-bij-nacht J.A. Vandevelde, de troon van Uwe Majesteit, met het verzoek, dat het Uwer Majesteit moge behagen, kennis te nemen van zijn hierbijgaande memorie, betrekkelijk de zeeramp aan Uwer Majesteits rammonitor ADDER overkomen.
Hij grondt dit verzoek op zijn onwankelbaar vertrouwen dat het de wil van uwe Majesteit is, dat, ook in zake van deze ramp, zo goed mogelijk recht worde gedaan, en op zijn innige overtuiging, dat het, in deze, in de volle zin des woords, een nationaal belang is, de waarheid beter in het licht gesteld te zien, dan tot heden toe is geschied.
Bij besluit van uwe Majesteit van de 21e juli 1882, werd aan een commissie de last opgedragen, om door een onpartijdig deskundig onderzoek, zo mogelijk de oorzaken na te gaan en op te sporen, waaraan de genoemde ramp is toe te schrijven.
Op de 26e oktober 1882 heeft de bedoelde commissie een verslag uitgebracht, waarin, behalve de commandant van de ADDER, die zich niet meer kan verdedigen, rechtstreeks niemand van enig plichtsverzuim wordt beschuldigd.
Desniettemin hebben duizenden in den lande, door de wijze waarop dat rapport is gesteld, er uit opgemaakt, dat het zeer twijfelachtig is of de ondergetekende, bij het vergaan van de ADDER, inderdaad zijn plicht wel heeft gedaan.
Naar aanleiding hiervan richt de ondergetekende tot Uwe Majesteit eerbiedig zijn hiervoren uitgedrukt verzoek, en neemt hij tevens de vrijheid, zijn in de memorie breder ontwikkelde redenen daarvoor hier beknoptelijk samen te vatten.
Uit het rapport der commissie en, zo nodig, uit de stukken van de ondergetekende blijkt:
1. dat de ondergetekende, als directeur en commandant der marine te Hellevoetsluis, op woensdag 5 juli 1882, des voormiddags na tien uren, uit Amsterdam bericht werd, dat Uwer Majesteits rammonitor ADDER diezelfde morgen naar Hellevoetsluis was vertrokken;
2. dat genoemde bodem alzo niet voor des middags omstreeks vijf uren te IJmuiden kon aankomen;
3. dat aan de directeur en commandant der marine te Hellevoetsluis, op de namiddag van de 5 juli, en drie uur, door eigen waarneming reeds bekend was, dat de toestand der zee het vertrek van een monitor uit IJmuiden niet zou gedogen;
4. dat van de namiddag op de 5 juli, tot op de 8 juli, toen een ongeval gevreesd werd, er voor een monitor in het geheel geen gunstige gelegenheid geweest is om de tocht van IJmuiden naar Hellevoetsluis te ondernemen en te volbrengen, gelijk zowel door de ondergetekende, als door anderen, uit zijn omgeving werd opgemerkt;
5. dat alzo, tot laatstgenoemde datum, de ondergetekende niet wist en zelfs niet kon vermoeden, dat de ADDER reeds in de morgen van de 5 juli naar zee was vertrokken; terwijl hij zich, hadde hij zulks geweten, bij zijn bekendheid met de eigenschappen van Uwer Majesteits rammonitors, ongetwijfeld reeds op de 5 juli, des namiddags omstreeks 3 uur, over de ADDER ernstig ongerust zou hebben gemaakt.
Stelt men hiertegenover, wat mede uit het onderzoek is gebleken:
1. dat de directeur en commandant der marine te Amsterdam, met het vertrek van de ADDER van Amsterdam natuurlijk nauwkeurig bekend, wist, dat die bodem, niet op 5 juli des voormiddags te tien uur, maar reeds op 4 juli van Amsterdam vertrokken was;
2. dat zijn telegram naar Hellevoetsluis eerst werd afgezonden op 5 juli, des voormiddags te 10 uur 6 minuten, en dus, wat de tijd betreft, geheel onjuist was en daardoor tot dwaling moest voeren;
3. dat de directeur en commandant der marine te Amsterdam geen bericht was geworden van het vertrek van de ADDER uit IJmuiden naar zee, en dat hij dus zijn ambtgenoot te Hellevoetsluis geen bericht kon en mocht zenden van het vertrek der ADDER naar zee, gelijk hij verklaart te hebben bedoeld;
4. dat de ADDER ongetwijfeld nog onder de bevelen stond van de directeur en commandant der marine te Amsterdam, daar de commandant van die monitor den hem laatst gegeven last, om zich onder de bevelen te stellen van de directeur en commandant der marine te Hellevoetsluis, nog niet volbracht had;
Dan vloeit uit dit alles voor ieder deskundige voort, dat de ondergetekende, commandant der marine te Hellevoetsluis, in het minst niet betrokken kan zijn in het ongeval van de ADDER, en ook, onbekend met het uitlopen van die bodem naar zee geen enkele aanleiding had, om bijstand te verlenen.
De commissie door Uwe Majesteit belast met het onderzoek naar de vermoedelijke oorzaken van het vergaan van Uwer Majesteits rammonitor ADDER, heeft in haar uitvoerig verslag ook over het handelen, of liever niet handelen van de beide directeuren en commandanten der marine te Amsterdam en te Hellevoetsluis gesproken, en als haar mening uitgedrukt dat er misverstand heeft plaats gehad, maar dat daardoor het vergaan van de ADDER met al haar schepelingen niet heeft plaats gehad.
De commissie heeft blijkbaar het woord plichtverzuim vermeden, ten einde niemand direct te beschuldigen.
Zij heeft verder bij haar verslag als bijlage gevoegd het proces-verbaal der getuigenis, door de commandant der marine te Amsterdam voor haar afgelegd, doch niet het betoog van ondergetekende. Het een of ander was noodzakelijk om een onpartijdige beoordeling door de Tweede Kamer der Staten-Generaal mogelijk te maken.
In plaats van plichtverzuim op te sporen en, zo dit aanwezig was, aan te wijzen, heeft de commissie goedgevonden, door het woord misverstand, de zaak in nevelen te hullen.
Geen wonder dan ook, dat een geacht volksvertegenwoordiger, de heer O. baron Van Wassenaer van Catwijk, op de 15e december 1882, openlijk optrad met een verklaring van twijfel aan de plichtsbetrachting van de beide directeuren en commandanten der marine te Amsterdam en te Hellevoetsluis en met de wens, dat, waren er schuldigen, deze zouden gestraft worden en niet zouden aanblijven, alsof er niets gebeurd ware.
Door hun stilzwijgen schijnen de overige volksvertegenwoordigers ingestemd te hebben met dit vermoeden van schuld, dat weliswaar niet kan bevreemden, maar zonder toereikende bewijzen, in zulk een vergadering niet moest uitgesproken zijn.
Zijne Excellentie, de gewezen minister van marine, schoon mondeling aan de ondergetekende verklaard hebbende, dat deze geheel buiten de zaak stond, en er geen sprake kon zijn van het minste plichtverzuim, door hem in deze begaan, heeft niet goedgevonden de beschouwing van de heer Van Wassenaer te wederleggen of met kracht te bestrijden.
De ondergetekende achtte zich, zonder machtiging van zijn meerderen, niet gerechtigd, zijn gedrag openlijk toe te lichten en te verdedigen. Hij heeft daarom, bezwaard door de handelingen der commissie, uwe gewezen minister van marine eerbiedig verzocht, alsnog door de druk openbaarheid te doen geven aan zijn betoog, dat hij niets tot bijstand van de ADDER heeft kunnen doen. Dit betoog toch is een onmisbare bijlage van het rapport te rekenen.
Door Zijne Excellentie uw gewezen minister van marine werd, om redenen de ondergetekende onbekend, hieraan niet voldaan.
Op voordracht van diezelfde minister werd de ondergetekende echter, korte tijd nadat de heer Van Wassenaer zijn twijfel omtrent zijn plichtsbetrachting had uitgesproken tegelijk met zijn ambtgenoot te Amsterdam, tegen 1 mei a.s. op pensioen gesteld.
Naar aanleiding van het rapport der commissie en het besprokene in de Tweede Kamer der Staten-Generaal, moest bij iedereen de gedachte opkomen, dat er verband bestaat tussen het vergaan van de ADDER en deze pensionering.
Die mening bestaat niet alleen zeer algemeen, maar is zelfs door een geacht oud-hoofd-officier der marine openlijk uitgesproken.
Op de ondergetekende rust daardoor, geheel onverdiend de blaam van plichtverzuim, en als man van eer moet hij wensen dat deze smet geheel worde uitgewist.
Hij meent ondertussen, dat, zolang hij in werkelijke militaire dienst is, zijn rechtvaardiging in de eerste plaats van zijn meerderen te moeten verwachten, en wendt zich daartoe met de meeste eerbied tot Uwe Majesteit, met het nederig verzoek, dat Uwe Majesteit, van dit schrijven en van zijn memorie kennis nemende, zijn gedrag beoordele.
Hellevoetsluis, 25 april 1883, met de meeste eerbied, van Uwe Majesteit de getrouwe onderdaan, (w.g.) J.A. van de Velde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gisteren verliet de tweede grote stoombaggermachine BOULOGNE III, die voor rekening van de heren Volker en Bos ten behoeve van de door hen aangenomen havenwerken te Boulogne aan de Utrechtse ijzergieterij alhier vervaardigd is, deze gemeente. De beproeving van dit kolossale werktuig werd zaterdag jl. bijgewoond door onze volksvertegenwoordiger Jhr. Roëll, die daarmede een blijk van belangstelling gaf in de Utrechtse industrie, die voor de ijverige eigenaars, de heren Smulders, niet anders dan aangenaam kan zijn.


17 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 15 mei. Volgens bij de rederij ontvangen telegram is het schip ZEELEEUW, kapt. Puister, heden van hier te Sundsvall aangekomen.


  JB - Javabode

Drijvende lijkkisten. Onder dit opschrift brengt het Noorse blad Verdens Gang een gebeurtenis ter sprake, van zulk een treurige aard, dat gewetenloze reders er door mogen worden wakker geschrikt. Het barkschip REBEKA, toebehorende aan de bankier B. Broch te Drammen, ging in zee met een lading geschaafd hout voor Londen. Het was een oud vaartuig dat tot 1 januari jl. in Veritas klasse E2 stond. Aan de eigenaar was te kennen gegeven, dat het schip een flinke reparatie en bepaaldelijk een geheel nieuwe tegenkiel nodig had, indien het schip in deze klasse zou blijven staan. De eigenaar weigerde de herstellingen te laten doen, en het schip zeilde niet geassureerd uit. De heer Broch tracht zich te dekken met de verklaring, dat de gezagvoerder geen bezwaar zag met het schip uit te gaan zoals het was.
De bemanning bestond uit 12 koppen; tien van deze hadden vrouw en kinderen.
Het lot van het oude schip werd zoals te verwachten was. De 8e februari werd het door de stoomboot DIANA, van Bergen, zonder roer en zeilen drijvende, in de Noordzee gevonden. De zee was zo onstuimig, dat pogingen tot redding, die 19 uur lang onafgebroken beproefd werden, vruchteloos waren. Het wrak verdween eindelijk geheel uit het gezicht en kon door de stoomboot niet worden teruggevonden.
De zeemansvereniging van Drammen trok zich, zodra deze mededeling ontvangen was, de zaak aan en huurde per telegraaf de stoomboot PALLAS van Bergen om het verongelukte schip op te sporen. De PALLAS ging zo spoedig mogelijk uit, maar heeft niets kunnen vinden dan enig hout, dat waarschijnlijk van de lading afkomstig was en een onleesbaar merk droeg.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 15 mei. Volgens particulier telegram hier ontvangen is het schip CERES, kapt. Boompaal, heden van Kopenhagen te Riga aangekomen; alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 15 mei. Volgens particulier telegram is het schip CASPAR DE ROBLES, kapt. Bos, van Malmö in ballast, heden behouden te Sundsvall aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. De equipage van het op zee gezonken Nederlandse schip VRIJHEID, kapt. Nadert, van de Sangi-eilanden naar Amsterdam, is te Durban aan land gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Leith, 12 mei. Het stoomschip AMULET, kapt. A. Campbell, is bij vertrek naar Rotterdam tegen het stoomschip REITH aangevaren, dat daardoor lekkage en andere belangrijke schade bekwam en terug moest keren om de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 20 april. Het Nederlandse schip M.A.C.E., kapt. Rab, ligt alhier onder reparatie. (opm: M.A.C.E is een afkorting van de werkelijke naam van het schip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 15 mei. Uit het gezonken stoomschip ANASTASIA, van Baltishport, zijn nog 10 last tarwe aangebracht. Het schip zit nu zo diep in het zand, dat het bergen wordt opgegeven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men seint ons uit het Nieuwediep, dat er op de Friese kust ernstige ongeregeldheden zijn voorgevallen tussen Engelse en Nederlandse vissers. Zr.Ms. schepen MARNIX en BONAIRE zullen derwaarts vertrekken.


18 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 17 mei. Van de werf bij de scheepsbouwmeester I.S. Figee is heden met goed gevolg te water gelaten de logger JACOBUS HENRICUS, voor rekening der Nederlandsche Zeevisscherij, onder directie van de heer A. IJzermans alhier, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 mei. Het meermalen vermelde van Terschelling alhier binnen gesleepte wrak, later door middel van de mastbok op ’s Rijkswerf op kiel gebracht, is door de centrifugaalpomp van de sleepboot HERCULES leeg gepompt en hedenmiddag naar de binnenhaven gehaald om op één van de terreinen nabij de werf De Hoop de lading te kunnen opslaan. Er werd niets ontdekt waaruit naam of nationaliteit zou kunnen blijken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 17 mei. Volgens een bij de reder ontvangen telegram is het schip NICOLAAS, kapt. Burghout, de 16de dezer van Grangemouth met steenkolen te Malmö gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hansweert, 17 mei. Het Engelse schip SAPPHO, van Antwerpen komende, is in het Nauw van Bath aan de grond geraakt en doorgebroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Minister van Marine, door de commissaris des Konings in de provincie Friesland in kennis gesteld van de schandelijke handelswijze van de Engelse vissers tegenover die van Moddergat en Wierum, heeft terstond daarop de nodige bevelen uitgevaardigd om Zr.Ms. BONAIRE, MARNIX en ARGUS ter bescherming van onze vissersvloot, zodra mogelijk, naar het Noorden van Friesland te sturen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harderwijk, 17 mei. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is te Malmö gearriveerd het schip STAD STEENWIJK, kapt. Houwink, met steenkolen van Grangemouth.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft ons uit Bath:
Hedenmorgen in de vroegte geraakte de Engelse vrachtboot SAPPHO, kapt. Howe, geladen met stukgoederen, komende van Antwerpen en bestemd naar Bristol, in het Nauw van Bath aan de grond en brak middendoor, waardoor het achterschip spoedig vol water liep.
Bij het afzenden van dit bericht was men bezig een gedeelte van de lading over te brengen in lichters. Het schip ligt buiten de witte ton, dus niet in het vaarwater.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. Op mijn eerstkomende commissie-vendutie verkoop ik de in 1881 nieuw geheel van djatiehout gebouwde, snelzeilende gaffelschoener PAULINE, met complete inventaris, groot ongeveer 50 koijangs.
Jan Leuring


19 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 17 mei. Volgens bij de rederij ontvangen bericht is heden te Malmö gearriveerd het schip STAD STEENWIJK, kapt. Houwink, met steenkolen van Grangemouth komende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Nieuwediep op donderdag 17 mei: het gekoperd en kopervast barkschip ST. JEAN BAPTISTE, groot 435 register tonnen, voor NLG 9.000 opgehouden, is later uit de hand verkocht aan de heren Van Gijn te Nieuwediep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 mei. De lading suiker van het Nederlandse schip ELISABETH, kapt. T.M. de Jonge, van Gent naar St. Petersburg is gedeeltelijk beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 mei. Het Nederlandse schip GEBR. JANSEN, kapt. P. Petersen, van Londen naar Riga, alhier binnen, heeft zoveel gelicht, dat de schade boven water is gebracht. De kwestie van de aanvaring is in der minne geregeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 14 mei. Het Nederlandse schip PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, van Cardiff naar Atjeh, alhier lek binnen, zal vermoedelijk in ballast naar een Engelse of Nederlandse haven verzeilen om te repareren. De lading steenkolen zal men geheel of gedeeltelijk verkopen.


20 mei 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 19 mei. Heden is met goed gevolg te water gelaten, van de werf van de heer J.C. Ceuvel, op de Kadijk alhier, het schroefstoomschip TERSCHELLING bestemd voor de dienst tussen Harlingen, Vlieland en Terschelling, voor rekening der rederij onder boekhouderschap van de heer A.D. Zur Mühlen alhier, en worden de machine en ketel vervaardigd door de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen, onder directie van de heer J.M. van der Made, alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens de verkorte balans van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij over 1882, bedraagt het saldo van de winst- en verliesrekening, na aftrek van afschrijving op het materieel ad. NLG 10.000, overbrenging op rekening van vernieuwingen en herstellingen van NLG 10.000, bijdrage aan de zieken- en onderstandkas van het etablissement NLG 1.000, een som van NLG 99.383,64½, waaruit 7 % dividend zal worden uitgekeerd. De waarde van de bestellingen op onafgelopen contracten staat geboekt met NLG 491.444,76.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 mei. Aangaande de Nederlandse schepen MARIA, kapt. L. Meijering, 13 maart van Delfzijl naar Laurvig, CATHARINA, kapt. P.J. Bekkering, 30 december van Porto Plata naar Falmouth en JANTINA CATRINA, kapt. J. van Dijk, 28 februari van Leven naar Thisted vertrokken, heeft men sedert niets meer vernomen.


21 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 18 mei. Het schip AURORA, kapt. De Weerd, is heden van Sunderland te Riga aangekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden, de 21e mei 1883, ten verzoeke van de heer Dirk Menno, gepensioneerd visiteur bij ’s Rijks belastingen, wonende te Haarlem, heb ik ondergetekende Andreas Matheus Regnier, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Maastricht, gedagvaard Sies Menno, laatst gewoond hebbende te Maastricht, om op donderdag de 6e september 1883 ten 10 ure des voormiddags te verschijnen voor de Arrondissements Rechtbank te Maastricht, , ten einde:
- aangezien gedaagde op de 2e mei 1874 als 2e luitenant der infanterie zijn woonplaats heeft verlaten om zich naar Nederlands-Indië te begeven.
- aangezien hij de 27e oktober 1876 per zeilschip JAVA van de rederij F.R.P. Victor, gezagvoerder J. Rotgans, weder uit Batavia naar Nederland is vertrokken, maar sedert die tijd noch van gemeld schip, noch van zijn bemanning en passagiers enig bericht hoegenaamd is vernomen.
- aangezien er rechtsvermoeden bestaat van het overlijden van Sies Menno sedert de 27e oktober 1876.
om aan gemelde rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken.
M. Regnier (opm: sterk bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 mei. Volgens een bij de reder ontvangen telegram is het schip ALLEGONDA JACOBA, kapt. Ebes, van Sunderland met steenkolen voor Nyköping gearriveerd. Kapt. Ebes rapporteert bij Gothland gepraaid te hebben de MARQUERITE LOUISE REGINE, kapt. Van der Meer, van Harlingen naar Sundsvall bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand, 16 mei. Het Nederlandse schip TWEE GEBROEDERS, kapt. Hesseling, van Fredrikstad naar Zwolle met hout, is lek en met drie voet water in het ruim hier binnen gekomen. Het moet lossen om te repareren.


22 mei 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Antwerpen, 17 mei. Sleepboten, lichters en werklieden zijn naar het gezonken stoomschip SAPPHO vertrokken om zo mogelijk de goederen die niet bedorven zijn te redden. Het schip en de suiker worden als verloren beschouwd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Uit Scheveningen wordt aan de Nieuwe Rotterdamsche Courant geschreven:
Zoals men zich zal herinneren, is er meermalen op gewezen, dat de boeien van de ADDER er niet meer op waren; een rederij heeft zich daarover beklaagd bij de minister van marine, die daarop thans het volgende antwoord heeft gezonden:
Naar aanleiding van uw verzoek, bij adres van 12 april ll., werd aan de inspecteur van het loodswezen te Hellevoetsluis enz. opgedragen, om ten belange der visserij het wrak van Zr.Ms. rammonitor ADDER in de Noordzee, dwars van Scheveningen, weder door een ton te doen aanwijzen. Pogingen, aangewend om het wrak terug te vinden, zijn evenwel tot nog toe niet gelukt. Dientengevolge heb ik alsnu de eer, uwer commissie te verzoeken, de hulp der vissers van Scheveningen te willen inroepen om, bijaldien het wrak door hen vissende bij toeval wordt ontdekt, daarbij tijdelijk een klein bootje tot aanwijzing te plaatsen, en daarvan onmiddellijk kennis te geven aan voornoemde inspecteur, die alsdan voor de vervanging van het bootje (hetwelk daarna aan uw commissie zal worden terugbezorgd) voor een ton bij eerste gunstige gelegenheid de nodige maatregelen zal nemen. Ook bij dit departement wordt te zijner tijd van het vinden en voorlopig aanwijzen van het wrak door vissers bericht ingewacht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Het stoomschip ALBLASSERDAM is 20 dezer te Rostock aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Chr. Ament en J.R. Bos Janszen, makelaars, zullen als lasthebbende van hun principaal, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, op maandag 4 juni 1883, des namiddags ten 3 uur, in het lokaal Frascati in de Nes te Amsterdam, bij opbod en afslag presenteren te verkopen het extra ordinair welbezeild Nederlands schoenerschip ZAANDAM, gevoerd door kapt. A. Havinga, volgens Nederlands meetbrief lang 27,02 m., wijd 6,58 m., hol 3,35 m. en alzo gemeten op 370,21 kub.m. of 130,69 tonnen netto.
Het gemelde schip is in april 1882 bij Bureau Veritas geclassificeerd 3/3 G.1.1. voor 3 jaren.
Alles breder bij biljetten omschreven.
Het schip ligt ter bezichtiging aan de werf 't Fortuin van de scheepsbouwmeesters de Wed. Stoepman & Co. op het Prinsen Eiland te Amsterdam.
Nader onderricht geven bovengenoemde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 mei. Aangaande het schip CALAIS, kapt. Alm, 18 januari van Darien naar Harlingen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam in Frascati:
- schoener-brikschip CLARA: voor NLG 3.125 verkocht.
- stoomschip PRINS ALEXANDER DER NEDERLANDEN: voor NLG 17.500 opgehouden.
- stoomschip MAGNET: voor NLG 3.000 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen. De in publieke veiling te Amsterdam verkochte sleepboot MAGNET is gekocht door de Harlinger Stoomsleepboot Maatschappij en blijft dezelfde naam voeren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl. Op 2 maart 1883 vertrok van hier het smakschip EEMS, schipper H. van der Leest. Het doel van de reis was de inhebbende lading, bestaande uit gedistilleerd, tabak en andere waren, aan de in de Noordzee vertoevende vissers te verkopen. Daar het schip gewoonlijk om de 6 of 8 weken één of andere haven aandeed om een nieuwe voorraad op te doen en men sedert de dag van vertrek niets van dit vaartuig heeft vernomen, is men bevreesd dat ook dit vaartuig met zijn bemanning, bestaande uit 5 personen, waarvan 4 gehuwd, in de nacht van 5 op 6 maart jongstleden - de nacht waarin de Nederlandse en Engelse vissersvloot zulke belangrijke verliezen leed - is verongelukt.


23 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 mei. Volgens een ontvangen particulier bericht is het Nederlandse schip NOACH III, kapt. Kruyt, 16 mei van Batavia naar Nederland vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 mei. Alhier zijn aangekomen drie lichters met diverse goederen, merendeels gezouten huiden, uit het gestrande stoomschip SAPPHO, van hier naar Bristol. Die goederen zijn nat en door suiker beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Amsterdam op 21 mei: het ijzeren raderstoomschip MAGNET II, groot 57 tonnen, gebouwd in 1865: NLG 3.000. Koper A.M. Balwé.
(opm: een makelaar)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 22 mei. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip NICOLAAS, kapt. Rijf, met hout van Windau naar Harlingen bestemd, met schade door aanvaring te Kopenhagen binnen gebracht. Het schip moet lossen.


24 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 22 mei. Gisteren zijn in Frascati geveild: Het schoenerbrikschip CHARM, groot 196 tonnen, gebouwd in 1856, voor NLG 3125; koper A.D. Strumphler. Het ijzeren stoomschip PRINS ALEXANDER DER NEDERLANDEN, groot 265 tonnen, gebouwd in 1879, geboden NLG 17.500, doch daarvoor opgehouden. Het ijzeren raderstoomschip MAGNET II, groot 57 tonnen, gebouwd in 1865, voor NLG 3000; koper de heer A.M. Balwé.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 18 april. Vrachten. Er gaat weinig om daar de oogst zo goed als geheel verscheept is. De laatste afdoeningen van Nederlandse schepen waren: MEDEA arak tot NLG 100 per last en ligt verder in lading naar Amsterdam; stoomschip DRENTHE koffie NLG 90 van de zuid- en NLG 85 van de noordkust, thee NLG 80, tabak NLG 67,50, indigo NLG 120 naar Rotterdam; stoomschip MADURA koffie NLG 90, huiden NLG 100, thee NLG 80, indigo NLG 120, specerijen NLG 110, tabak NLG 67,50 naar Amsterdam.
In lading naar Nederland de stoomschepen C. FELLINGER en PRINSES AMALIA.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: NOACH III en INSULINDE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 mei. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip AUGUSTA, kapt. Wietsma, gisteren van hier te Windau gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 mei. Het Nederlandse schip NICOLAAS, kapt. Rijf, van Windau herwaarts bestemd, gisteren lek te Kopenhagen binnen gebracht, was door het stoomschip DAGMAR van Gothenburg aangevaren; de NICOLAAS heeft de stuurboord boeg ingelopen, boegspriet, kluiverboom en een gedeelte van het vaartuig verloren en verdere schade bekomen.


25 mei 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Kopenhagen, 23 mei. Het Nederlandse schoenerschip BELLE, kapt. Eefting, van Riga naar Dordt, met hout, heeft op Saltholm aan de grond gezeten, doch kwam, na een gedeelte der lading gelost te hebben, vlot en te Kastrup binnen. Het schip is lek en zal door duikers onderzocht worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 25 mei. Van de scheepstimmerwerf der heren Raylton Dixon & Co. te Middlesbro’ on Tees is met goed gevolg te water gelaten het voor de alhier gevestigde Stoomvaartmaatschappij Insulinde nieuw gebouwde schroefstoomschip MACASSAR, groot ongeveer 2.300 bruto of 1800 netto tonnen, met een draagvermogen van 3.300 tonnen en voorzien van 1.250 ipk; het zal gevoerd worden door kapt. J. de Ridder. Dit is het eerste van de vier, naar een zelfde bestek voor gezegde maatschappij in aanbouw zijnde schepen, met welke zij, tezamen met het reeds in de vaart zijnde stoomschip C. FELLINGER, groot 2.800 tonnen draagvermogen en met machines van 800 pk, in juli van het aanstaande jaar een maandelijkse vaart tussen hier en Java zal beginnen. Binnen enige dagen zal haar alhier gebouwd wordend stoomschip KONING WILLEM III te water gaan, gevolgd over vier weken door het te Middelsbro’ in aanbouw zijnde stoomschip PADANG en eindelijk weder alhier het stoomschip NEDERLAND EN ORANJE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Volgens een bij de rederij te Delft ontvangen telegram is het schip A. EN W.C., kapt. De Jonge, 23 dezer te Hongkong gearriveerd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 24 mei. Volgens een bericht van de rederij is van hier te Sundsvall gearriveerd het schip MARGUERITE LOUISE REGINE, kapt. Van der Meer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 30 april. Het Nederlandse schip STELLA MARIS, kapt. Klaver, is bevracht van Porto Alegre naar het Kanaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 23 mei. Volgens een alhier ontvangen telegram is het Nederlandse schip TRIJNTJE, kapt. Gosselaar, van Sharpness te Riga aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 21 april. Het Siamese barkschip SCHIMIEGELOW, hetwelk dezelfde dag van Bangkok met rijst was aangekomen en op de buitenrede ten anker lag, werd aangevaren door het stoomschip SINDORO van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, waardoor de bark de fokke- en grote mast, benevens de bezaansteng verloor en andere belangrijke schade leed. De SINDORO leed geringe schade en heeft in de namiddag de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 24 mei. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht zijn te Sundsvall gearriveerd de Nederlandse schepen BOTHNIA, kapt. Alta, met steenkolen van Grangemouth, en LAURA, kapt. Koster, met ballast van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heden had men de meest gewenste uitslag de beproeving in zee plaats van het schroefstoomschip BATAVIER van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij.
Het feit dat sedert 60 jaren de namen Rotterdam, Nederlandsche Stoomboot Maatschappij en BATAVIER voor landgenoot en vreemdeling bijna onafscheidelijk verbonden waren, maakt deze gebeurtenis tot een Rotterdams belang.
Wij zullen nader op de bijzonderheden terugkomen.
Voor dit ogenblik strekt dit bericht alleen ter verspreiding van de mededeling, dat genoemd stoomschip zondag aanstaande ter bezichtiging gesteld wordt voor het publiek tegen betaling van 25 cent, ten voordele van de weduwe en zeven kinderen van de in de vorige week tengevolge van een val in het schip, waar hij werkzaam was, zo noodlottig om het leven gekomen uitstekende werkman L. Spek.
(opm: de in het bovenstaande bericht aangekondigde nadere beschrijving van het schip is niet gevonden; de BATAVIER vertrok op 29 mei van Rotterdam naar Londen op de eerste reis na de verbouwing)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 23 mei. De inventaris van het gezonken stoomschip ANASTASIA heeft heden in publieke veiling ruim NLG 1.260 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam. 23 mei. Volgens een telegram uit Londen is het Nederlandse schip BELLE, van Riga naar Dordrecht met hout, op Saltholm aan de grond gelopen, doch kwam het na een gedeelte van de lading gelost te hebben, vlot en is lek te Hastrup binnen gelopen. Het zal door duikers onderzocht worden.


26 mei 1883


  JB - Javabode

Batavia, 26 mei. Volgens telegrafisch bericht van de directie der Stoomvaart-Maatschappij Nederland is het stoomschip VOORWAARTS, de 12e mei van Amsterdam vertrokken, met gebroken schroefas te Barcelona binnengesleept. Het schip wordt naar Marseille gesleept om te repareren. Passagiers, troepen en bemanning zijn welvarend, verdere berichten zullen geseind worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 mei. Men bericht ons het volgende uit Hoogezand:
Maakte ik voor enige dagen melding van het vertrekken ener nieuwe sleepboot, thans kan ik u mededelen dat de heren Boon, Molema en De Cock afleverden: op de 19de dezer de nieuw gebouwde en voor passagiers- en goederenvervoer welingerichte schroefstoomboot de HOOP met bestemming naar Akkrum, onder gezag van kapt. Kuipers aldaar, en op de 24ste dezer een dito schroefstoomboot genaamd HARMONIE, onder gezag van de kapt. Mus te Echten in Friesland. Evenals in de sleepboot zijn ook in deze boten geplaatst zogenaamde Compound-machines, die uitmunten door eenvoudige behandeling, spaarzaam kolenverbruik, grote krachtsontwikkeling en die nimmer weigeren. Voorzeker een grote schrede voorwaarts!


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 20 april. De passage over de baar is in de laatste dagen zeer lastig geweest. In vrachten ging weinig om. De STELLA MARIS werd van Porto Alegro naar het Kanaal bevracht met zoute vellen voor GBP 325.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 14 mei. Het Noorse barkschip INGA, van Greenock naar Quebec, werd 6 mei op 45º NB 40º WL door de equipage zwaar lek verlaten, die door het stoomschip LEERDAM, kapt. Slierendrecht, van Amsterdam herwaarts, werd gered. De INGA was 30 april door een grote vis (opm: waarschijnlijk een walvis) zwaar beschadigd en had later zwaar stormweer doorstaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 14 april. De Russische bark AGIR, te Krakaän liggende te laden in brand geraakt, is geheel uitgebrand en gezonken. Het schip is totaal verloren. Bij het ontstaan van de brand was er ongeveer 1.400 ton lading aan boord en lag er ongeveer 100 ton langszij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 24 mei. Heden is van de werf van Cs. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten een ijzeren Rijnzeilschip (opm: DE TIJD LEERT ALLES), groot 170 last, voor rekening van de heer Theodoor Joosten te Millingen, en werd daarna de kiel gelegd voor een dergelijk schip (opm: DIOGENES), groot 200 last, voor rekening van de heer H. Otten te Rotterdam.


27 mei 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. Met de afvaart naar Java van de LIMBURG op 9 juni zal de Rotterdamsche Lloyd haar driewekelijkse in een veertiendaagse dienst veranderen. De eerste afvaart van genoemde maatschappij had plaats op 26 januari 1873. Dit was het begin van een zeswekelijkse dienst, die later veranderd werd in een maandelijkse, vervolgens in een driewekelijkse en nu in een veertiendaagse dienst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 25 mei. Het Nederlandse schip BELLE, kapt. Eefting, hier lek binnen gelopen na te Saltholm aan de grond gezeten te hebben, zal vermoedelijk afgekeurd worden. De lading moet worden gelost om het schip te kunnen onderzoeken.


28 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 25 mei. Het stoomschip VOORWAARTS kapt. Adriani, van hier naar Batavia, werd gisteren te Barcelona binnengesleept met gebroken tunnelas, alles wel aan boord. Het stoomschip zal te Marseille repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 25 mei. Het stoomschip GELDERLAND, kapt. Otto, van de Rotterdamsche Lloyd, volbracht de reis van Java naar hier in 41 etmalen met aandoening van de havens Padang, Colombo, Aden en Marseille.


29 mei 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Uit Samarang, 25 mei. – Een zeeramp. De Nederlands Indische schoener MATARAM, metende 497 ton, en behorende aan een reder te Soerabaja, vertrok 26 april in ballast van Hongkong naar Amoy. De 29e overviel haar een tyfoon, en toen de woede van de storm bedaard was, wist kapitein Hertsberg niet meer waar hij stond, want wegens de dikke mist was het niet mogelijk geweest, zijn waarnemingen te doen. Daardoor geraakte de MATARAM op de zandbank, de Pratas Shoals.
Nauwelijks was dit gebeurd, of het schip werd door een menigte Chineese vissersjonken uit Hongkong omringd, en 60 à 70 man, met messen en bijlen gewapend, kwamen dreigend aan boord van de MATARAM.
De equipage, die geen wapens had en dus geen weerstand bieden kon, achtte het zaak zich uit de voeten te maken. Toen gingen de zeerovers aan het plunderen.
Lading vonden zij niet, maar zeilen, boten, sparren en provisies waren hun dienstig. Men smeekte hun, om de schipbreukelingen ten minste hun voedsel te laten, maar zij weigerden zelfs dat. Al wat de ongelukkigen overbleef was een kleine boot van de MATARAM en ter nauwer nood voor een of twee dagen voedsel.
In die wanhopige omstandigheden kwam kapt. Hertsberg tot de conclusie, dat het beste wat hem te doen stond was, te proberen of hij met de enige overgebleven boot het vaste land bereiken kon. De stuurman en een van de zeventien Maleiers die de equipage uitmaakten namen aan de gevaarlijke onderneming deel.
Toen begon een reis met vele moeite en ontberingen. Een zeil was er, maar het werd nodig geacht, een groot gedeelte roeiend af te leggen, en terwijl twee man roeiden, stuurde de derde. De boot was zwaar; de twee man moesten hard werk hebben gehad. Verscheidene stoomboten kwamen in zicht en signalen werden hun gegeven, maar geen enkel scheen het broze vaartuig te bespeuren, dat daar als kurk dobberde op de ruwe zee.
Er woei de eerste dag een matige wind uit het ZW, en die bleef aanhouden tot de avond van de tweede dag; toen ging hij liggen, en een half uur was alles stil. Niet langer; na dat halve uur kwam er een bui uit het NO met hevige rukwinden, en die twee Europeanen hadden een vreselijke strijd op leven en dood te strijden. De Maleier deed weinig anders, dan het water uit de boot te scheppen.
Volkomen uitgeput ging kapt. Hertsberg ten anker. Kort daarop kwamen er enige Chinezen in de buurt, hun werd om een weinig water gevraagd, maar in stede van de noodlijdenden ten minste die hulp te verlenen, verergerden de ellendelingen hun lot door al wat er aan mondkost nog over was te stelen, de kapitein de jas van het lijf te trekken, en toen nog te trachten om hem ook nog de ring van de vinger te halen. Daarna verwijderden de schavuiten zich.
Zondag kwamen de schipbreukelingen, na vier dagen en nachten worstelen met de zee, doorzwak te Hongkong aan. Op verzoek van de Nederlandse consul gaf de commandore Cumming bevel dat er een kanonneerboot van Swatow gezonden werd, om de zestien achtergebleven Maleiers te redden. Het is te hopen, dat die hulp eerder komt dan de dood, maar te verwachten is het niet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 28 mei. Ten tweeden male binnen een tijdstip van enkele maanden – zo schrijft de particuliere correspondent van het N.v.d.D. uit New-York, d.d. 14 mei – heeft een stoomschip van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij een aantal mensenlevens van een anders wissen dood gered. De heldhaftige redding van de equipage van de ENDYMION door de bemanning van het stoomschip SCHIEDAM, kapt. D'Hamecourt, ligt nog vers in het geheugen. Thans hebben kapitein Slierendregt van de LEERDAM en zijn kloeke equipage een tweede lauwer behaald met de redding van kapitein Hans Cornelinssen, diens vrouw en de gehele equipage, bestaande uit 12 man, van de Noorse bark INGA, die de 6e mei op 46º NB 42º WL met noodsignalen werd aangetroffen. De oorzaak van de schipbreuk, aanvaring met een walvis, en de omstandigheden waaronder de redding plaats vond zijn interessant genoeg om ze u in hun geheel mede te delen, zoals ik die bij monde van de geredden gezagvoerder Cornelinssen en kapitein Slierendregt en zijn equipage, na aankomst alhier vernam. De INGA, toebehorende aan de firma L.G. Larsen & Co. te Sandefjord (Noorwegen), is een bark van 669 gemeten tonnen, in 1857 te Sunderland gebouwd. Zij was op reis van Greenock naar Quebec met een lading kolen, en de 16e april vertrokken. Hier volgt het verhaal van de INGA:
“Op de morgen van de 30e april, voor daglicht, in het midden van de oceaan, tussen de Azoren en Newfoundland, voelden wij plotseling een hevige schok, alsof wij op een klip stootten, en onmiddellijk daarop zagen wij wrakhout, terwijl het schip trilde als een blad. Het was een frisse noordelijke bries; we hadden alle zeilen bij en stuurden west ten noorden met een vaart van 7 mijlen per uur. Het was helder en er was niets in het gezicht, zodat ik en de stuurman in de kajuit gingen en twee man, de man aan het roer en de uitkijk, aan dek waren toen de aanvaring plaats had. Wij sprongen onmiddellijk naar boven, doch zagen niets dat als de oorzaak van de schok kon gelden. Over de boeg heen zag ik dat de steven was weggeslagen, doch wij hielden koers tot de volgende morgen, tot de wind bedaard was, en zetten de boot uit om onze schade op te nemen. Een groot gat van twee of drie voet lang was in de boeg geslagen. Aan de splinters was een lederachtig uitziende substantie, zwart aan de ene zijde en wit aan de andere, die bij nader onderzoek bleek een gedeelte huid en spek van een walvis te zijn. Ik bewaarde het en plaatste het in sterk water, om het later aan mijn reder te kunnen geven . – Wel een mijl lang zag het water rood van bloed. Het gat werd met zeildoek gestopt, doch het lekken van het schip bewees dat ook de naden van het schip ontzet waren. – Wij dachten ons met aanhoudend pompen lens te houden, doch het weer nam in hevigheid toe, het schip stampte en werkte zwaar, het grote topzeil was weggeslagen en het schip maakte zoveel water, dat er aan redden niet meer te denken viel. Het volk raakte uitgeput en verzocht mij de 5e mei, na een hevigen orkaan van het noord- en zuidwesten, het schip te verlaten. Wij dachten dat die nacht ons laatste uurtje geslagen had en bereidden ons op het ergste voor, koersten het schip echter toch nog Oost, om zo mogelijk een zeil te ontdekken, die ons signaal B.C.M. – ik moet mijn schip verlaten – bemerken zou. Op geruime afstand in de morgen van de 6e, te loevert, zagen wij een stoomboot, die ons signaal scheen gezien te hebben. De boot kwam op ons aan en bleek de LEERDAM te zijn. Kapt. Slierendregt seinde, dat de INGA hare boten moest uitzetten, doch men antwoordde van de bark, dat het hevige stampen van het schip en het overheen slaan van de hemelhoge zeeën, gevoegd bij de totale uitputting der equipage, zulks onmogelijk maakten. De LEERDAM signaleerde toen terug dat haar boot zou worden uitgezet, met order de schipbreukelingen onder alle omstandigheden te trachten op te nemen. Dat dit geen gemakkelijke opdracht was bewees het loffelijke verhaal, dat kapt. Cornelinssen mij daarvan mededeelde.
De boot werd bemand door de tweede stuurman Andries Potjer, bootsmaat Johan Julius Brien, lampenist Johan van der Mee, kwartiermeesters Ollen Eriksen, Pieter Foppes en de matrozen Jakob Blaak en Otto Laichel Tangborg, en gekommandeerd door eerstgenoemden. – Het stormde uit het WNW, vergezeld met zware hagelbuien, die de bark menigmaal uit het gezicht deden verliezen. De passagiers der LEERDAM, en er waren er meer dan 800, stonden allen aan dek, in angstige spanning of het de zeelieden der LEERDAM, die allen vrijwillig in de boot waren gegaan, gelukken zou de bark te bereiken en de schipbreukelingen te redden – of dat zij hunne menslievende pogingen zelf met de dood bekopen moesten, waarvoor, de hoge zeeën en het slechte weer in aanmerking genomen, veel kans had bestaan, ware de boot niet zo kunstvol gekommandeerd en gemanouvreerd. Men kwam tot op zekeren afstand van de bark, en de redding geschiedde met lijnen; de branding was zo hevig dat men niet te dicht bij het schip kon komen. In ongeveer een uur tijds had men de gezagvoerder, zijn vrouw en twaalf man der equipage behouden in de boot, en werd de terugtocht naar de LEERDAM aanvaard. Kapt. Slierendregt had zijn schip zo op de zee weten te leggen, dat de landing aan boord minder moeilijk ging dan het van boord nemen; toch heeft het echter nogal enige moeite gekost eer die 14 totaal uitgeputte personen goed en wel aan dek der LEERDAM waren. – De vreugdekreten der pasagiers, toen men de menslievende pogingen met een volmaakt succes bekroond zag, waren onstuimig. De jeugdige stuurman Potjer en zijn wakkere maats waren de helden der reis en de sympathie van de vrouwelijke passagiers vooral moet zeer sprekend geweest zijn. – Kapitein Cornelinssen en zijne vrouw werden opgenomen in de salon, de officieren der INGA bij de officieren der LEERDAM, en de geredde matrozen tussendeks. Na enige dagen rust en goede verzorging kwam men bij en na aankomst alhier verklaarden allen: dat zij naast God aan kapitein Slierendregt, de tweede stuurman Potjer en de overige manschappen in de boot, niet alleen hun leven te danken hebben, maar dat zij aan boord van allen een liefderijke behandeling hebben genoten, zoals zelden het geval is, een behandeling die spreekt van de Nederlandse gastvrijheid, menslievendheid en plichtsbesef.”
Een compliment, dat in alle New-Yorker bladen vermeld staat, een compliment dat wij volkomen delen, doch waaraan wij nog di toevoegen: een compliment aan de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij voor achtenswaardige en bekwame personeel, dat zij in haar dienst weet te krijgen, en voor nauwgezette en prijzenswaardige dienstregelling. Dat toch passagiers met tranen in de ogen afscheid van kapitein en officieren, waarvan schrijver dezes op de LEERDAM getuige was, komt in de allereerste plaats ten goede aan de maatschappij.


  AH - Algemeen Handelsblad

De permanente commissie uit de rederij te Scheveningen heeft naar aanleiding van het schrijven van de minister van marine een circulaire aan de schippers aldaar doen toekomen, waarin hun verzocht wordt bij vinding van het wrak van de ADDER dit af te bakenen, te meer daar zovele schuiten daaraan netten met bomen en staven, sprenkels enz., hebben verloren.
Een stoomboot kruist te Scheveningen voor de wal ter opsporing van het wrak van de ADDER. De commandant kreeg van enkele schippers van genoemde plaats inlichting omtrent de ligging, doch het wrak schijnt nog niet teruggevonden te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een in aanbouw zijnde tjalkschip, ongeveer 135 ton, benevens het in 1875 nieuw gebouwd tjalkschip JOHANNA GEZIENA, groot 87 tonnen, met deszelfs complete inventaris, zoals hetzelve is bevaren door schipper H.H. Blaak.
Te bevragen bij J.M. Meihuizen en Zoon, te Wildervank.


30 mei 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 28 mei. De tjalkschepen GEERTJE, kapt. Alberts, en MARGARETHA CATHARINA, kapt. Panjer, van Antwerpen naar Flensburg zijn hier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 april. De vrachten houden zich staande wegens de steeds zeer geringe beschikbare scheepsruimte.
Nederlandse schepen hier en op de kust: INSULINDE en MARIA.


  AH - Algemeen Handelsblad

Gisteren werd te Vlissingen de gewone jaarlijkse algemene vergadering gehouden van de Koninklijke Maatschappij De Schelde, scheepsbouw- en werktuigfabriek aldaar. Vertegenwoordigd waren 246 aandelen.
Aan de vergadering werd kennis gegeven van de goedkeuring der balans en de winst- en verliesrekening over 1882 door de commissie uit de aandeelhouders, ingevolge de statuten daartoe benoemd. Het is gebleken dat na afschrijving op de gebouwen en vaste inrichtingen tot een bedrag van NLG 50.594,20,een dividend van 6 % aan de aandeelhouders kan worden uitgekeerd. De heer I.P.J. Buteux, die als commissaris aan de beurt van aftreding was, is als zodanig herkozen.
De directeur bracht voorts verslag uit over ’t afgelopen jaar, waaruit de tegenwoordige bloeiende toestand aan het licht kwam en gelijk verklaard wordt, dat de toekomst met schoon vooruitzicht tegemoet kan worden gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 28 mei. Heden is van de werf van C. van der Giessen met goed gevolg te water gelaten een ijzeren Rijnzeilschip voor rekening van de heer M. de Visser te Hooge Zwaluwe.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 22 mei. De steenkolen uit het hier met schade binnen gelopen schip PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, zijn gisteren publiek verkocht. Het schip zal in ballast naar Cardiff vertrekken om aldaar te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 april. Vrachten. Er valt ditmaal slechts weinig nieuws te melden. De laatst verlopen veertien dagen waren arm aan afdoeningen en bij gebrek aan passende vaartuigen bleef de toestand ogenschijnlijk onveranderd. Produkt begint echter schaars te worden. Naar Nederland werden twee schepen afgedaan, het ene voor een volle lading koffie tot NLG 45 van Batavia, het andere voor arak tot NLG 95 en NLG 100 van Noordkustplaatsen, beide naar Amsterdam. Naar het Kanaal werd wederom GBP 2.10/- voor droge suiker besteed. Voor stroopsuiker zou nog een schip van matige grootte en voor copra van de Noordkust van Celebes een scheepje van 400 registertons te plaatsen zijn. Naar Amerika noch naar Australië werden bevrachtingen gesloten.
De afdoeningen van Nederlandse schepen waren: naar Nederland NOACH III NLG 45 koffie en rijst, te Batavia te laden naar Amsterdam; stoomschip C. FELLINGER NLG 85 koffie, NLG 100 huiden, NLG 65 tabak naar Amsterdam. Naar het Kanaal JACOBUS JOHANNES GBP 2.10/- voor suiker. Naar Marseille en Nederland stoomschip PRINSES AMALIA NLG 90 voor koffie, NLG 100 huiden, NLG 80 thee, NLG 120 indigo naar Amsterdam, Ffrs 90 voor peper, en suiker tot geheime koers naar Marseille,
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: INSULINDE, MARIA en stoomschip ZEELAND.


31 mei 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. Ten overstaan van het vendu-kantoor te Soemenep zal op maandag 25 juni publiek worden verkocht te Kalianget nabij Soemenep de schoener FATTOOL RACHMAN, groot 25 tonnen, met daarbij behorende inventaris.
De vendu-meester Mullemeister


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 29 mei. Volgens particulier bericht uit Sundsvall is het schip ELISABETH, kapt. De Jonge, van Harlingen in ballast, heden behouden op de bestemmingsplaats aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Te Nieuwediep hebben dezer dagen ernstige ongeregeldheden plaats gehad tussen de politie en een groot aantal werklieden van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen te Amsterdam, die aldaar tijdelijk werkzaam zijn aan het Engelse stoomschip STRATHMORE. Een brigadier der Rijksveldwacht werd ernstig gewond. Met behulp van burgers en militairen werden de beschonken belhamels achter slot en grendel gebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

De aanbouw op ’s Rijks werf alhier van het schroefstoomschip 4e klasse SOMMELSDIJK is zover gevorderd, dat het schip wat de romp betreft, binnen enkele weken gereed voor de dienst zal zijn. De machines, vervaardigd en gesteld door de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord, zijn met gemeerd schip beproefd en hebben zeer goed voldaan. Het schip zal weldra naar Willemsoord overgevoerd worden, om aldaar langs de gemeten mijl te stomen en verder te worden uitgerust.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het eerste jaarlijks verslag aan de aandeelhouders door de directie van de Stoomvaart Maatschappij Insulinde, heden uitgebracht (zie ons eerste blad), ontlenen wij nog het volgende:
Ter wille van de geschiedenis menen wij daarbij beknoptelijk in herinnering te mogen brengen, wat tot haar wording aanleiding gaf en hoe deze zich ontwikkelde.
Een te Amsterdam gevestigde ondernemende cargadoorsfirma besprak in 1881 met haar Engelse vrienden – naar aanleiding van zoveel hogere uitvrachten voor stoomschepen van hier naar Ned. Indië, dan van Engeland naar Brits Indië – het wenselijke om de stoomschepen van deze laatste in de vaart te brengen van Holland naar Batavia en om ze daar weer direct naar Holland, of via een andere Indische haven, naar een andere Europese haven te doen teruggaan.
Tijdens zij dit plan overwogen bleek het spoedig dat zowel van de uitvrachten van Holland naar Java als van de terugvrachten vandaar naar Holland, een belangrijk deel ontvangen werd voor overvoer van gouvernementsgoederen, die in de regel slechts aan schepen onder Nederlandse vlag worden toevertrouwd.
Daaruit vloeide de wenselijkheid voort om de stoomschepen, hoewel Engels eigendom, onder Nederlandse vlag te brengen, doch daartoe was nodig een in Holland gevestigde naamloze vennootschap, met inachtneming van de bepalingen vervat in de wet betrekkelijk de afgifte van zeebrieven.
Tot het oprichten van zodanige vennootschap te Amsterdam werd besloten, nadat de heren H.W. Meijer en Alb. Fred. Insinger zich hadden bereid verklaard de directie op zich te nemen en de heren C. Fellinger en J. ter Meulen Jr. aldaar aan het verlangen gehoor gegeven om, met de heren J.W. Adamson en Th. Ronaldson te Londen, als commissarissen op te treden.
De Stoomvaart Maatschappij Insulinde werd onder dat bestuur te Amsterdam opgericht met een kapitaal van NLG 2.400.000, waarvan echter voorlopig slechts NLG 600.000 werd uitgegeven; in dit bedrag werd deelgenomen door de Engelse commissarissen voor de grootste helft.
De Maatschappij opende toen haar lijn aanvankelijk met twee stoomschepen, doch in het vooruitzicht van daarna, bij welslagen van de onderneming, het gehele kapitaal te plaatsen en de zaken verder uit te breiden.
Zij kocht tegen de taxatieprijs van over en weer benoemde deskundigen, voor GBP 32.500 het Engelse stoomschip MERCEDES, nu genaamd C. FELLINGER, gebouwd in 1879, groot bruto 2.010 of netto 1.398 ton, met een draagvermogen van 2.800 ton en een puike machine van nominaal 200 of effectief 800 paardenkracht; en voorwaardelijk (met recht het na volbrachte reis tot inkoopprijs te kunnen teruggeven) het in 1855 gebouwde stoomschip EDINBURGH, daarna genaamd AMSTERDAM.
Bij het in de vaart brengen van die twee schepen echter werd al dadelijk de kracht gevoeld van de bestaande lijnen, die haar clientèle te gereder aan zich wisten te verbinden en van onze Maatschappij af te houden, omdat deze, met te weinig materieel, geen waarborg gaf voor een geregelde vaart.
Onze cargadoors te Amsterdam, de heren Meijer & Co., van wie de oudste chef tevens directeur van de Maatschappij was, meende in overleg met onze Londense cargadoors, de heren Adamson & Ronaldson, daaraan te kunnen tegemoet komen, door het nu en dan in de vaart brengen van door de Maatschappij gehuurde of gecharterde stoomschepen onder vreemde vlag, doch zijn mededirecteur en de Nederlandse commissarissen, die niet anders dan een regelmatige lijn onder Nederlandse vlag beoogden, waren daarvoor niet te vinden.
Dit verschil van opvatting, gevoegd bij meer andere en de blijkbaar oneigenaardige verhouding van directeur van de Maatschappij en tevens, als haar cargadoor, haar lasthebber te zijn, gaven de heer Meijer aanleiding tot het nemen van zijn ontslag uit eerstgenoemde betrekking, welk voorbeeld door de heren J.W. Adamson en Th. Ronaldson als commissarissen gevolgd werd.
Ter vervanging van eerstgenoemde aanvaardde de heer August Hendrichs in januari 1882 de mededirectie, onder voorwaarden die de onverdeelde bijval van de andere directeur en commissarissen hadden, namelijk:
1e. dat het kapitaal van NLG 2.400.000 geheel zou worden geplaatst;
2e. dat het overjarige stoomschip AMSTERDAM na volbrachte reis in ieder geval aan de verkopers zou teruggaan en
3e. dat een goed materieel zou worden aangeschaft, genoegzaam om althans een geregelde maandelijkse vaart, naar en van Indië, met succes te kunnen volhouden.
De heren W.E. Matthes en J. Kooy Jr. werden vervolgens bereid gevonden de twee open gekomen plaatsen van commissaris in te nemen, terwijl in de algemene vergadering, de 27e december gehouden, de heer W.H. van Leeuwen tot 5e commissaris werd benoemd.
Wij handhaafden gaarne de heren Meijer & Co. als onze cargadoors te Amsterdam en de heren Adamson en Ronaldson als onze cargadoors te Londen en wij koesteren de verwachting dat hun ijver en hun toewijding aan de belangen van de Maatschappij ons aanleiding zullen geven van hun gewaardeerde diensten bij voortduring gebruik te blijven maken.
Nadat deze belangrijke wijziging in het bestuur van de Maatschappij had plaatst gehad, werden de aandelen van de afgetreden heren door de directeuren en commissarissen à pari van hen overgenomen en werd einde maart 1882 de deelname opengesteld in de nog te plaatsen NLG 1.800.000 van het maatschappelijk kapitaal, van welks volledige plaatsing het bestuur het al of niet voortbestaan van de Stoomvaart Maatschappij Insulinde afhankelijk stelde.
Gaarne herinneren wij u dat, ongelet de destijds ongunstige omstandigheden van de geldmarkt, de inschrijvingen het verlangde bedrag van NLG 1.800.000 volkomen bereikten; wij mogen tot onze voldoening daaraan toevoegen, dat het kapitaal genoegzaam geheel in Nederland en voor verreweg het grootste gedeelte te Amsterdam werd geplaatst en dat verschillende, waaronder zeer belangrijke aanbiedingen tot deelname, onder verband van (zelfs billijke) contracten of bedieningen, onvoorwaardelijk werden ter zijde gelegd.
De stortingen op de geplaatste NLG 1.800.000 kwamen geregeld en ter bestemder tijde in en enkele inschrijvers maakten gebruik van toegestane vervroegde storting, onder bij prospectus bepaald disconto.
Nadat het maatschappelijk kapitaal was voltekend hebben wij onmiddellijk getracht een voor de beoogde vaart doelmatig materieel aan te kopen.
De stortingen op de NLG 1.800.000, waren voorbedachtelijk zodanig geregeld, dat deze binnen korte tijd in de kas van de Maatschappij zouden vloeien, omdat wij het verlangden koesterden, hoe eerder hoe liever de geregelde vaart te openen. Onze Londense agenten voorzagen ons aanstonds van een menigte beknopte beschrijvingen van in aanbouw of uit de vaart te koop zijnde stoomschepen en een van onze, vergezeld van een deskundige, toog toen spoedig naar Engeland om uit de aangebodene, de volgens beschrijving ons meest passende schepen persoonlijk te inspecteren.
Tot ons leedwezen echter ondervonden wij daarbij zeer grote teleurstelling. Immers van de massa's aanbiedingen bleken slechts weinige ernstig te zijn, de meeste toch waren van schepen die nog niet bestonden of wel niet te koop waren en de enkele, die inderdaad ter beschikking bleken te zijn, konden ons niet passen, hetzij wegens voor ons niet doelmatige grootte of inrichting of vorm, enz.
Wij zochten prima cargaboten met goede inrichting voor 12 à 15 eerste klasse passagiers, van zodanige vorm en met zodanige machines, dat zij in de vaart ongeveer gelijk zullen zijn met de boten van onze concurrerende zusterlijnen.
In Engeland daarentegen schijnt men weinig te hechten aan min of meerder spoed van cargaboten, althans de in aanbouw zijnde waren meest alle zogenaamde cargo-boxes, d. i. volle vaartuigen met betrekkelijk weinig stoomkracht.
Het aankopen van geschikt en daarenboven van zoveel mogelijk gelijkmatig materieel bleek alzo niet wel mogelijk te zijn; wij waren dus genoodzaakt door aanbouw in onze behoeften te voorzien en inmiddels ongeveer een jaar lang te wachten alvorens de regelmatige lijn aan te vangen.
De gelukkige keerzijden daarvan waren tweeërlei, als:
1e. wij mochten nu materieel te bestellen geheel overeenkomende met de onzes inziens meest geschikte type en zoveel mogelijk uniform in afmetingen; en
2e. was het laatste halfjaar van 1882 zo weinig lonend voor vrachtvaart naar en van Java, dat wij niet bijzonder behoeven te betreuren daaraan niet te hebben deelgenomen.
Het was steeds ons voornemen om, wanneer wij onverhoopt niet aanstonds goed materieel te koop zouden vinden, doch het ten dele door aanbouw zouden moeten verkrijgen, alsdan de Nederlandse industrie blijk te geven van het vertrouwen dat wij in haar stellen, door haar de bouw van althans één stoomschip op te dragen.
Nu wij vier stoomschepen moesten doen bouwen, verlangden wij althans 2 daarvan in Nederland te doen vervaardigen en 2 andere bij de heren Raylton Dixon & Co. te Middlesbrough on Tees, die door het stiptelijk op tijd afleveren van vier opvolgende stoomschepen aan de heren W. Ruijs en Zonen het bewijs hadden geleverd van te dien aanzien zich gunstig te onderscheiden boven de meeste andere bouwmeesters, vanwaar ook; daarenboven hadden zij die – en nog 3 andere bij de Rotterdamsche Lloyd varende stoomschepen, uitmuntend en naar wij hoorden tot volle tevredenheid van hun lastgevers vervaardigd en afgewerkt, terwijl de type van deze vaartuigen, met enige wijziging in passagiersinrichting, met vermeerdering van waterballast, ruimte en stoomkracht, ons de meest begeerlijke toeschenen.
De teleurstelling, door vertraagde oplevering ondervonden, en in het algemeen de verdere bijzonderheden uit het verslag, zijn reeds kortelijk in ons eerste blad medegedeeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Door aandeelhouders van de Stoomvaart-Maatschappij Insulinde werd heden te Amsterdam onder voorzitterschap van de heer C. Fellinger, president-commissaris, een algemene vergadering gehouden tot het uitbrengen van het eerste jaarlijks verslag.
Aanwezig waren 18 aandeelhouders, vertegenwoordigende 610 aandelen en tezamen gerechtigd tot het uitbrengen van 90 stemmen.
De exploitatie heeft zich bepaald tot een reis van het stoomschip C. FELLINGER, dat de 2e maart 1882 via Londen en Pauillac naar Batavia vertrok en de 23e juli vandaar terugkeerde. De volgende reis van hetzelfde stoomschip werd aanvaard de 20e augustus 1882 en eindigde op de dag van binnenkomst, de 13e januari 1883. Deze reis komt alzo op de exploitatierekening over het volgende jaar.
De uitkomsten van een eerste reis van de C. FELLINGER en van een enige reis met het stoomschip AMSTERDAM blijven voor rekening van de eerste deelhebbers van de Maatschappij, die als zodanig sedert zijn uitgetreden.
De uitvracht van de enige reis van de C. FELLINGER was redelijk, doch de retourvracht mager, omdat in mei en juni, toen het schip op Java was, de producten van de oude oogst gescheept en die van de nieuwe nog niet ter verscheping voorhanden waren.
Van die reis is hierdoor slechts een saldo van NLG 3.838,02 overgebleven. Bovendien vertoont de balans en winst- en verliesrekening een post van NLG 30.097,66 aan gekweekte renten van de op prolongatie uitgezette stortingen van de aandeelhouders.
De onkostenrekening ad. NLG 10.091,97 is geheel, die voor oprichting en emissie van het maatschappelijk kapitaal drievijfde van het meubilair 30 % afgeschreven. De balanswaarde van de C. FELLINGER is na een kleine afschrijving van NLG 2.207 op het bedrag van aankoop gebleven.
Verder komen op de rekening voor twee stortingen van NLG 87.500, waarvoor de stoomschepen KONING WILLEM III en NEDERLAND EN ORANJE belast zijn veertien dagen na hun herstelling (opm: mogelijk is bedoeld: aflevering) bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen, ingevolge contract.
Behalve deze twee stoomschepen zijn voor de Maatschappij in aanbouw bij de heren Raylton Dixon & Co., te Middlesbrough on Tees, twee stoomschepen aan welke de namen MACASSAR en PADANG gegeven zijn. Al deze schepen hebben een inhoud van 2.300 bruto of 1.800 netto ton, met een draagvermogen van ongeveer 3.300 ton, worden voorzien van compound stoommachines van plm. 250 nominaal of 1.250 epk. De termijnen van aflevering waren gesteld: voor het eerste schip in Engeland binnen elf, voor het tweede binnen twaalf maanden; voor de twee schepen bij de Koninklijke Fabriek, het eerste op 31 mei en het tweede op 31 juli 1883.
In de tijdige aflevering van al de vier schepen is de directie echter zeer teleurgesteld, zodat de voorgenomen maandelijkse vaart niet in mei van dit jaar is kunnen beginnen, doch daarmede nog ongeveer twee maanden gewacht zal moeten worden. De MACASSAR werd 24 dezer te Middlesbro’ te water gelaten en zal begin juli gereed zijn. De PADANG volgt een maand later. De KONING WILLEM III zal in het begin van juni alhier te water gaan, doch eerst einde augustus afgeleverd worden, terwijl van de NEDERLAND EN ORANJE nog niets met juistheid te zeggen valt.
Voor het onderhouden van een geregelde maandelijkse dienst op Java zal nog een zesde stoomschip nodig zijn, tot aanschaffing waarvan de directie voornemens is te zijner tijd voorstellen te doen.
Het verslag bevat verder enige mededelingen omtrent hetgeen aan de samenstelling van de Maatschappij in haar tegenwoordige vorm is voorafgegaan, waarvan later een uittreksel zal worden medegedeeld.
Naar aanleiding van dit verslag werd door een van de aandeelhouders gevraagd: 1e. of er geen boete bedongen is voor te late aflevering van de stoomschepen; 2e. of voortaan niet een percentsgewijze afschrijving jaarlijks plaats zal hebben. Het antwoord van de voorzitter luidde, dat aan de aannemers in Engeland geen boete als voorwaarde was opgelegd, evenmin als dit het geval is geweest bij hun aannemingen voor de Rotterdamsche Lloyd. Aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen is een boete van NLG 1.000 voor iedere week te late levering bij contract gesteld. Wat de percentsgewijze afschrijving betreft, daaromtrent behelzen de statuten geen voorschriften.
Nadat nog dezelfde aandeelhouder op de wenselijkheid van geregelde afschrijvingen in het vervolg nader aangedrongen had, werd de vergadering gesloten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 29 mei. De schoener LITTLE KATE, welke enige tijd geleden door het van Vlissingen komende Nederlandse stoomschip PRINSES MARIE werd in de grond gelopen, is gisteren gelicht. Bij onderzoek is bevonden dat het belangrijke schade heeft geleden. Men heeft tegen de Maatschappij Zeeland een eis tot schadevergoeding ingesteld, groot GBP 600.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De zeeloods, die aan boord van het op de Waterweg gezonken stoomschip ANASTASIA dienst heeft gedaan is uit de dienst verwijderd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 april. Het Nederlandse schip MEDEA, kapt. Schall, is bevracht naar Amsterdam.


01 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Elseneur, 28 mei. Het Nederlandse schip GEBROEDERS JANSEN, kapt. Petersen, van Londen naar Riga, vertrok gisteren na volbrachte reparatie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Katendrecht, 31 mei. Heden is met het beste gevolg van de werf van de heren Rijkee & Co. alhier te water gelaten het ijzeren Rijnschip HUGO GROTIUS, groot plm. 9.400 centenaar, gebouwd voor rekening van de heren Schwerzel & Van Schaik te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle a/d IJssel, 30 mei. Met het beste gevolg werd heden van de werf van A. Vuyk te water gelaten de ijzeren sleepkaan MARIA SOPHIA, gebouwd voor rekening van Frid. Hermann te Eberbach am Neckar, en groot ca. 275 last.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande. Sedert 20 dezer was de baar goed te passeren. Bevracht werd onder anderen het Nederlandse schip GOEDHART, kapt. Oldenburger, met beenas naar het Kanaal tot Sh. 30 per ton. In de haven liggen 18 schepen disponibel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op donderdag de 14e juni 1883, des namiddags te 1 uur, zullen te Gorinchem, in de Doelen, in het openbaar worden verkocht:
- De in 1878 door de heer L. Smit te Kinderdijk gebouwde ijzeren raderstoomboot QUAKERNAAT 1, met machine van 90 paardenkracht, en hebbende volgens Nederlands meetbrief 35,05 meter lengte, 4,70 meter wijdte en 1,84 meter holte en dus 208 tonnen.
- De ijzeren raderstoomboot QUAKERNAAT 2, met machine van 45 paardenkracht, en hebbende volgens Nederlands meetbrief 26,76 meter lengte, 4,07 meter wijdte, 1,64 meter holte en dus 119 tonnen.
Genoemde stoomboten zijn thans in de vaart tussen Gorinchem en Rotterdam vice versa.
- De ijzeren schroefstoomboot GORINCHEM, met machine van 25 paardenkracht, naar schatting groot 70 tonnen, liggende aan de werf van de heer B. Wilton te Schoonderloo, bij Delftshaven.
Voormelde drie stoomboten worden verkocht met de daarin aanwezige machines en toebehoren, staand en lopend want en de eerste twee met boten en inventaris.
- Een legger (opm: ponton) met overdekt entrepot, palen beschoeiing, brug en kettingen, liggende te Gorinchem voor de wal.
Alles breder bij biljetten omschreven. Te bezichtigen dagelijks, de eerste twee buiten de uren van de vaart, te Gorinchem of Rotterdam, de laatste twee op de ligplaats.
Informatiën geven de notarissen Boll en De Kleyn, te Gorinchem.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij. De directie bericht, dat over 1882 een dividend van 2 % wordt uitgekeerd, of NLG 10 op de aandelen ad. NLG 500
en NLG 5 op de halve aandelen ad. NLG 250, betaalbaar van de 1e juni af, tegen intrekking van dividendbewijs No. 22 van de nieuwe aandelen te Amsterdam ten kantore van de Associatie Cassa, te 's-Gravenhage bij de H.H. Scheurleer & Zn. en te Rotterdam bij de Gebr. Chabot.
Exemplaren van het jaarlijks verslag zijn voor aandeelhouders op franco aanvraag verkrijgbaar ten kantore van de Maatschappij te Amsterdam en Rotterdam.
Amsterdam, 31 mei 1883.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het verslag over het jaar 1882, heden uitgebracht in de algemene vergadering van deelhebbers in de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, ontlenen wij het volgende:
Onze aanhef kan ditmaal niet zo gunstig zijn als in de beide vorige jaren. Wel hebben onze Europese Lijnen bij herhaling goede voordelen opgeleverd, maar de nadelen van de Newyorker Lijn hebben die sterk doen wegsmelten. Men weet dat rederij een zeer wisselvallig bedrijf is; toch doet het ons leed daarvan thans het bewijs te moeten leveren. Volgens gewoonte beginnen wij met de omschrijving van de werkkring van onze Maatschappij in het afgelopen jaar.
Het aantal volbrachte reizen bedroeg in 1882 1881
naar New York 33½ 18
- Levant 10½ 11
- Middellandse Zee 38½ 39½
- Bordeaux 26½ 23½
- Bilbao 5 7
- Reval en St. Petersburg 29½ 22½
- Koningsbergen 19½ 20½
- Danzig 20 19
- Stettin 27 25
- Kopenhagen --- 2
- Hamburg 68 64½
Totaal aantal reizen: 278 252½
Vervoerd werden: 323.974 ton goederen tegen 268.604 ton in 1881 en aan vracht bevaren NLG 3.786.205 tegen NLG 3.215.176 in 1881.

1882 1881
Passagiers naar New York 14.931 10.282 volwassen en kinderen.
Passagiers van New York 3.565 337
Totaal aantal passagiers: 18.496 10.619
De gunstige resultaten van de vaart op New York in het jaar 1881 gaven ons aanleiding die dienst uit te breiden om zoveel mogelijk te naderen tot wekelijkse afvaarten, een hoofdvoorwaarde voor het blijvend succes van een gevestigde Lijn. Niet alleen hebben dan ook onze eigen schepen de JASON, CASTOR, POLLUX en STELLA meer reizen gedaan (25 tegen 18 in het vorige jaar), maar ook meenden wij een geschikt schip voor die Lijn te moeten huren, te weten de SURREY. Nog gaf het grote vervoer van landverhuizers in het voorjaar ons aanleiding een tweede grote stoomboot te charteren, de NEMESIS, die voor het vervoer van passagiers uitstekend grote ruimte aanbood. Wij hebben reeds met een woord aan het slot van ons vorig jaarverslag daarvan melding gemaakt.
De SURREY deed 5½ reizen en de NEMESIS 3; haar eerste reizen – 2 april en 10 mei – met alle ruimte voor passagiers bezet, later vooral in de herfst, bracht de SURREY volle ladingen goederen, doch betrekkelijk weinig passagiers over. Het passagiersvervoer toch verminderde of bleef althans beneden de hoog opgeschroefde verwachtingen; daarop waren ook zeker van invloed de kwade geruchten, die aangaande de NEMESIS verspreid werden. Omtrent de waarheid van die geruchten werd wel later een officieel onderzoek ingesteld en bleek de ongegrondheid daarvan op overtuigende wijze (zie Staatscourant van de 9e september 1882), maar intussen hadden de agenten van concurrerende Lijnen zowel in Amerika als in Europa die vlijtig verspreid en ons veel nadeel berokkend.
Het vervoer van passagiers (445 gemiddeld per reis uitgaande tegen 560 in 1881) leverde dan ook niet die voordelen op als de reisrekeningen in het vorige jaar goed hadden gemaakt. Daarbij kwamen de slechte retourvrachten van Amerika, die b. v. de eerste reizen van de SURREY met aanzienlijk verlies saldo's deden sluiten. Die lage stand van de vrachten hield veel langer aan dan men had gedacht en werd noodlottig voor een jonge Lijn als de onze, te meer daar wij om geschikte schepen te bekomen die hadden moeten huren, hetgeen altijd kostbaarder is.
Daarbij kwam het besluit van de Nederlandsche Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij om haar grotere stoomschepen om de 14 dagen van Amsterdam te laten varen en ons dus een scherpe concurrentie aan te doen op deze plaats zelve. Daardoor toch is het ons onmogelijk geworden dat materieel voor de Lijn op New York aan te schaffen, wat daarvoor past en alleen uitzicht op winst openen kan bij normale vrachten. Wij hebben dan ook geen uitvoering kunnen geven aan het besluit uwer algemene vergadering tot vergroting van het maatschappelijk kapitaal. Het was te begrijpen dat het bouwen van nieuwe boten om in concurrentie te varen met een oudere Lijn een gewaagde onderneming werd en bij de lage stand van de vrachten in de zomer was de mogelijkheid om die op touw te zetten zeer problematisch.
Wij hebben daarom gemeend de Lijn op New York niet langer geheel voor eigen rekening te moeten voortzetten en liever dan met verlies te blijven varen, een schikking te treffen met de Nederlandsche Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij. Wij vonden haar directie daartoe bereid. De behoeften voor Amsterdam aan een directe Lijn op New York, die ons genoopt had die vaart te ondernemen, werd door haar erkend en zij verbond zich tegenover ons om de Lijn Amsterdam – New York voort te zetten met een gelijk aantal vertrekken en tot dezelfde condities als van Rotterdam. De duur van de verbintenis werd op 10 jaren bepaald, tenzij intussen door een andere onderneming even goed in de Lijn Amsterdam op New York werd voorzien. Die termijn van 10 jaren scheen ons een redelijke toe en voldoende om het verkeer tussen beide havens tot zodanige ontwikkeling te brengen, dat haar voortbestaan ook na die tijd als verzekerd mag beschouwd worden.
Onze Maatschappij daarentegen heeft zich verbonden gedurende die tijd niet voor eigen rekening op New York, Boston, Baltimore of Philadelphia te varen.
Aangezien het ons voorkwam, dat bij de behoefte aan scheepsruimte voor Amerika het geheel terugtrekken van onze stoomboten niet zonder nadeel voor de handel zou zijn, werd bepaald, dat twee van die boten op Amerika zouden blijven varen onder directie van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij. Zij was niet zo overtuigd als wij van die behoefte en beperkte dus deze bepaling tot twee jaar, terwijl wij onze schepen ten allen tijde kunnen terugtrekken. Wij namen daarmede genoegen, bij wijze van proef. Blijkt het dat wij dwalen, dan voorzeker is het voor geen van de partijen wenselijk de proef door te zetten. Het komt ons echter ook in het belang van onze Maatschappij wenselijk voor enkele van onze schepen in de vaart op Amerika te houden; voor onze Europese Lijnen passen ze b.v. in de zomer minder goed en valt het ons soms moeilijk een goed emplooi daarvoor te vinden. Daarentegen vleien wij ons dat ze in de vaart op Amerika bij betere stand van de vrachten en het ophouden van de concurrentie, goede kans hebben op voordelige resultaten.
Overigens verbond zich de directie van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij de overeenkomsten ten uitvoer te leggen die wij voor de vaart op New York hadden aangegaan en aan die agenten van onze Lijn, die zij kon gebruiken, billijke voorstellen te doen.
De getroffen schikkingen zijn op loyale wijze ten uitvoer gelegd, grote schade af te wikkelen. Bovendien is aan onze Maatschappij toegekend een schadevergoeding, die wij in overleg met commissarissen van onze Maatschappij hebben gemeend te moeten laten strekken tot vermindering van de waarborgsom voor die Lijn getekend, te meer daardoor ons ophouden van die vaart alle uitzicht voor de garanten verloren ging, dat zij uit eventuele winsten later zouden terugverlangen, wat zij nu te betalen hadden.
De volle waarborgsom was overigens verbruikt. Zelfs de vaart met onze eigen schepen had een belangrijk verlies gelaten, waarvoor, volgens de bepalingen van de garantie, bijna het gehele bedrag opvorderbaar was. Tellen wij daarbij het verlies van de vaart met gehuurde schepen, dan komen wij tot een totaal van ruim NLG 300.000 verlies voor de vaart op New York.
De omstandigheden zijn dus veel veranderd bij die van 1881, die zo voorspoedig waren, dat wij toen meenden de Lijn reeds als gevestigd te mogen beschouwen. Wat de ervaring ons toen geleerd had brachten wij in praktijk en verzekerden ons passend materieel voor – zo mogelijk – wekelijkse afvaarten. En de lage stand van de goederenvrachten voor de retouren en het mindere passagiersvervoer en de hogere kosten van die gehuurde schepen deden nu in nadeel verkeren wat het vorig jaar voordelig was geweest.
Hebben wij nu in het belang van onze Maatschappij de vaart op New York voor eigen rekening opgegeven, wij menen toch ook dat onze onderneming niet zonder vrucht geweest is, vooreerst was het jaar 1881 ook voor de aandeelhouders niet ongunstig en in de tweede plaats is de Lijn Amsterdam – New York definitief gevestigd. De garanten hebben dus hun doel bereikt met betrekkelijk geringe opoffering voor hen.
Dat verlies van ruim NLG 200.000 (na aftrek van de vergoedingen) heeft onze Maatschappij kunnen lijden, dank zij de gunstige resultaten van haar andere Lijnen, sedert jaren door haar geëxploiteerd. Het aantal reizen was voor alle te samen een tiental – voor Reval en St. Petersburg zeven – meer. Bijzondere omstandigheden vallen daarbij niet te vermelden.
Dat wij bij voortduring in de regel er in slagen volle ladingen voor onze uitreizen te verkrijgen, danken wij voornamelijk aan de medewerking van de Hollandsche-Spoorweg-Maatschappij en van de Maatschappij tot exploitatie van Staatspoorwegen, die hun goede wil tonen om het handelsverkeer van Amsterdam te helpen ontwikkelen.
Onze vloot bleef verschoond van belangrijke averijen, als het jaar 1881 daaraan met kwistige hand had toebedeeld. Maar zij leed een gevoelige verlies bij de overzeiling van de COMEET, op hoogte van Gibraltar de 29e september in de midscheeps aangevaren door de CALVILLA.
De COMEET zonk onmiddellijk, de bemanning had niet meer dan de tijd om op de CALVILLA over te springen.
In overleg met assuradeuren hebben wij tegen de CALVILLA te Londen een proces aanhangig gemaakt, wat in eerste instantie in ons voordeel beslist werd. De reders van de CALVILLA hebben appel aangetekend, doch dit is nog niet in behandeling gekomen.
Over een vorige overzeiling, die van de MEDEA in 1881, in de Kjöge Bucht bij Kopenhagen door de ALNE HOLME, werd ook te Londen proces gevoerd en de reder van de ALNE HOLME tot schadevergoeding veroordeeld. Wij verwachten dat die reder zich bij dit vonnis zal neerleggen.
De afrekening van de averijen van 1881 heeft belangrijke sommen gekost, zodat wij voor datgene wat niet door de assuradeurs wordt vergoed ten volle de NLG 55.000 hebben moeten gebruiken, die in het vorige jaar zijn gereserveerd. Voor 1882 bedraagt de eerste post van de debetzijde van onze winst- en verliesrekening het betrekkelijk laag cijfer van NLG 18.259,94½.
Bij een vergelijking van de diverse posten van de winst- en verliesrekening met die voor 1881, zal men geen belangrijke verschillen opmerken, die niet reeds besproken zijn.
Aan de debetzijde is de premie van assurantie ca. NLG 24.000 hoger, daar alle schepen onafgebroken hebben gevaren en in 1881 de PENELOPE en JASON geruime tijd wegens reparatie en de meeste van de overige wegens de toenmalige strenge winter hebben stil gelegen.
De onkostenrekening is NLG 7.000 hoger, die van de dienst van de geldlening NLG 6.000 lager, wegens vermindering van de intrest op de obligaties tengevolge van de uitloting. De kosten van onderhoud van de schepen zijn NLG 7.000 lager en de afschrijving is circa NLG 10.000 kleiner, omdat door het verlies van de COMEET de afschrijving op dit schip verviel.
Aan de creditzijde zijn de cijfers van de wissel- en intrestrekening niet van belang, doch des te meer dat van de vaart van de eigen stoomschepen. Dit bedraagt NLG 1.064.000 tegen NLG 1.129.000 in 1881, dus ruim NLG 65.000 minder. Aangezien het verliescijfer van de New-Yorker vaart voor de eigen schepen veel groter was, blijkt hieruit dat de Europese Lijnen grotere voordelen opleverden dan in 1881.
Ten aanzien van de balans merkt de directie op dat de post voor loodsen en gereedschappen aan de nieuwe vaart NLG 6.000 hoger is wegens het aanschaffen van een nieuwe stoomkraan.
Het assurantiefonds is NLG 42.000 kleiner, voornamelijk wegens het verlies van de COMEET, waarvan het ¼ gedeelte droeg en de afwikkeling van de averijen van 1881 die een hoger cijfer vorderden dan dat van de geboekte premie voor het eigen risico.
De vloot van de Maatschappij bestond op het einde des jaars uit 22 zeestoomboten, te samen van een ladingsvermogen van 22.500 ton.
Zoals te zijner tijd in de dagbladen gepubliceerd is, hebben wij ter vervanging van de COMEET tot de aanbouw van een nieuw schip besloten, ongeveer van dezelfde grootte en van het type van onze MINERVA enz. Het wordt gebouwd door de Maatschappij De Maas te Delftshaven om in september a.s. gereed te zijn en zal genaamd worden SATURNUS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heden werd de algemene vergadering van aandeelhouders van de Kon. Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen (directeur J.M. van der Made), te Amsterdam, gehouden.
Vertegenwoordigd waren 110¾ oude en 70 nieuwe aandelen, te samen uitbrengende 115 stemmen.
De voorzitter deelde mede dat de lening, tot welke in de vorige vergadering besloten werd, is voltekend en dat de oude leningen zijn afgelost.
Daarna werd verslag uitgebracht over de in 1882 verrichte werkzaamheden.
Wij ontlenen er het volgende aan:
Sedert januari 1882 zijn bestellingen voor nieuw en reparatiewerk aanzienlijk toegenomen; daarna is het dan ook toe te schrijven, dat het getal werklieden tot ruim 1.800 vermeerderd is.
Van de meeste bestellingen in het afgelopen jaar was de tijd van aflevering bepaald in 1883. Wij kunnen dan ook over het afgelopen jaar ten aanzien van het afgeleverde werk weinig belangrijks mededelen. Twee stoom-schroefslepers voor de haven van Ostende, door het Belgische gouvernement besteld, werden zo naar genoegen afgeleverd, dat dezelfde regering ons daarna nog de aanmaak opdroeg van een stalen schroefboot, voor inspectie op de rivieren en kanalen. Voor onze departementen van marine en oorlog hebben wij enig artilleriematerieel, bestaande in verschillende affuiten en achterlaad kanonnen, ten genoege van de verschillende directies vervaardigd.
In 1883 zijn de leveringen van suikertoestellen, stoomwerktuigen, schroefsleepboten, enz. voor Java, zeer toegenomen. Door de grote mededinging met onze naburen zijn de bedongen prijzen echter laag geweest.
Onder de belangrijke werken, die ultimo december 1882 bijna waren afgelopen, behoren de herstellingen en de verbetering met bijlevering van nieuwe ketels van het stoomschip CELEBES van de Maatschappij Java.
De werkzaamheden aan de stoomwerktuigen van 3.000 paardenkracht, met ketels, enz. voor Zr.Ms. oorlogsschip VAN SPEYK, vorderen zeer goed; deze zullen op tijd gereed zijn.
Aan de metalen bovenbouw, voor de bruggen over de Baardwijkschen Overlaat en in het 's Bossche Veld, ten behoeve van de spoorweg Zwaluwe – 's-Bosch, door ons aangenomen voor NLG 537.000, wordt met de nodige spoed gewerkt.
De Stoomvaart Maatschappij Insulinde heeft ons de levering in 1883 opgedragen van twee ijzeren schroefschepen van 300 voet lang, 36¾ voet breed en 27 voet hol, met compound-machine van 1.200 paardenkracht en plm. 3.000 ton inhoud.
Na de onderhandelingen voor het bouwen van drie ijzeren schroefschepen voor de Koninklijke West-Indische Maildienst, is een bestelling in het begin van dit jaar gevolgd.
In verband met deze bestellingen en onderhandelingen voor de bouw van andere schepen, hadden wij grote behoefte aan een kundig, ervaren scheepsbouwmeester, nu onze ingenieur, de heer D. van Vliet, een eigen onderneming van die aard te Groningen zou beginnen. Het is ons gelukt de heer John Renton, scheepsbouwmeester bij de Sunderland Shipbuilding Co. te engageren. Sedert enige jaren heeft de heer Renton aldaar vele schepen gebouwd van nog veel groter charter dan ons besteld zijn en die uitnemend voldoen; wij twijfelen niet dat deze keuze er toe zal leiden om de goede naam van onze inrichting te handhaven en het vertrouwen van de werkgevers te bevestigen.
De overeenkomst, die wij aangegaan hebben met de Koloniale Bank, ten einde onze relaties in O.-Indië uit te breiden, heeft aanvankelijk bevredigende uitkomsten opgeleverd.
De gebouwen en werkplaatsen van de fabriek met inventaris bevinden zich in goede toestand.
Het onderhoud van gebouwen, schoeiingen, hellingen, enz., met herstellingen en vernieuwingen van verschillende machines, losse en vaste gereedschappen, vaartuigen, enz. heeft gevorderd de som van NLG 110.694,31. Deze post is geheel op winst en verlies afgeschreven. Dit jaar hebben wij bestellingen gekregen voor NLG 2.469.026,76. Aan grondstoffen en arbeidsloon is betaald NLG 1.976.682,87.
Van de 1e hypotheek à NLG 660.000 zijn dit jaar 52 obligaties afgelost, waardoor die schuld verminderde tot NLG 296.000 en van de 2e hypothecaire lening à NLG 747.700 werden 12 obligaties à NLG 1.000 terugbetaald; deze schuld bedraagt nu nog NLG 653.700.
De maatschappij had het verlies te betreuren van haar president-commissaris jhr. C.A. den Tex en van de commissaris A.H. Siepman van den Berg, beide mannen die door hun belangloze toewijding een krachtige steun voor de fabriek waren.
De heer J.P. van Rossum is op 20 mei laatstleden als commissaris herkozen. Dit jaar is de beurt van aftreden aan de heer G.A. baron Tindal, die echter herkiesbaar is.
In de vacature, ontstaan door het overlijden van de heer A.H. Siepman van den Berg zal de vergadering moeten voorzien. De andere vacature vereist geen onmiddellijke voorziening, daar de ere-commissaris, de heer C.A.E. van der Honert, zich bereid heeft verklaard voorlopig weer aan de werkzaamheden deel te nemen.
Het winstsaldo laat tengevolge van de weinige afleveringen in 1882 slechts een uitkering van 6 % op de preferente aandelen toe.
Dit verslag werd goedgekeurd.
Bij het overleggen van de balans wees de voorzitter op de aanzienlijke vermeerdering van de geïmmobiliseerde waarden, tengevolge van de gemaakte nieuwe scheepshellingen, gebouwen en inrichtingen. Het daarvoor opgebrachte bedrag zal vermoedelijk gedekt worden door de opbrengst van de te verkopen terreinen aan het Funen en de Nieuwe Vaart. De balans werd goedgekeurd en het dividend overeenkomstig het voorstel van de directie op 6 % van de preferente aandelen bepaald.
Herkozen werd als commissaris de heer A.H. Siepman van den Berg gekozen werd de heer W.F. Piek.
Besloten werd tot een wijziging van de statuten, in hoofdzaak betreffende art. 10, met de bedoeling om de directie voortaan op te dragen aan twee directeuren, onder toezicht van vijf commissarissen. De bedoeling van deze wijziging is de directeur in zijn veelvuldige werkzaamheden te kunnen bijstaan en desnoods vervangen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de heden te Amsterdam gehouden algemene vergadering van aandeelhouders in de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij is door de directie verslag uitgebracht over 1882 (waarop wij in ons volgend blad terugkomen), is het voorstel goedgekeurd om, na de gewone afschrijvingen, aan de aandeelhouders 2 % uit te keren en zijn als commissarissen herkozen de heer mr. A. van Lennep en gekozen ter vervanging van wijlen de heer J. den Tex Bondt, de heer S.B. Severijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 mei. In de heden gehouden vergadering van aandeelhouders van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen werd door een aandeelhouder de jongst voorgevallen werkstaking ter sprake gebracht. Hij vroeg, of de indruk juist was die hij uit de dagbladen had opgedaan, dat eigenlijk in alle opzichten aan de eisen van de werklieden was toegegeven. In zijn antwoord verklaarde de president-commissaris, dat de werkstaking hem vooral daarom met leedwezen vervuld heeft, dewijl er uit bleek dat de werklieden vergeten zijn hoe in 1871 de uiterste pogingen aangewend zijn moeten worden om de fabriek in stand te houden, geenszins in het geldelijk belang van de aandeelhouders, maar uitsluitend in dat van de werklieden. Met grote inspanning is dit tot heden gelukt en tonnen gouds zijn sedert die tijd aan arbeidsloon in een kleine kring uitbetaald. De klachten van de werklieden waren volgens sprekers overtuiging ongegrond. Ware de staking niet zo spoedig opgehouden, hij zelf zou aan de aandeelhouders voorgesteld hebben onmiddellijk de directie te machtigen om het onder handen zijnde werk af te maken en vervolgens de onderneming te liquideren. Hun geldelijk belang zou daarmede veel beter gebaat worden dan door voortzetting, gelijk de uitkomsten van het jongste jaar bewijzen, welke slechts een uitkering toelaten van 6 % voor de preferente aandelen, bedragende NLG 510.000, terwijl het overige kapitaal, waarvan het bedrag NLG 1.200.000 geweest is, niets ontvangt. Spreker heeft dit in het openbaar willen uitspreken, ten einde de werklieden te herinneren hoe de toestand is en hoe de onderneming alleen wordt voortgezet in het belang van de genen, die aan haar hun brood verdienen. Over de in het leven geroepen schikking wenste de voorzitter zich niet uit te laten, maar alleen te zeggen dat, toen de burgemeester, met de beste bedoelingen, zijn bemiddeling had aangeboden, de hierdoor belegde samenkomst ook niet mocht mislukken. In zoverre slechts had spreker zich over die schikking verheugd.
De heer A.C. Wertheim voegde hier nog bij, dat men zich niet aan het werkvolk onderworpen, maar in een compromis toegestemd heeft. De werklieden beweerden in dezelfde tijd hetzelfde werk te kunnen leveren als de Engelsen. Daarmede wordt een proef genomen en de uitslag daarvan is reeds nu geweest, dat men heeft gezien dat er met veel meer ijver en inspanning gewerkt wordt dan vroeger en de werklieden dus, indien zij maar willen, veel meer kunnen doen dan zij tot dusver deden.


02 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 1 juni. Het stoomschip VOORWAARTS van Amsterdam, laatst van Barcelona, naar Batavia, is 1 juni te Marseille aangekomen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 31 mei. Volgens hier ontvangen telegram is het schip EXPRESS, kapt. Grönneberg, van Chatham naar Riga, heden te Elseneur gepasseerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping om contant geld. De notaris A.W. Rembges te Kruiningen zal op maandag de 4e juni 1883, des namiddags te 2 uur, in het koffiehuis van de heer L. Luijk te Hansweert, ten verzoeke van de heer F.V. de Groof, agent van assuradeuren aldaar, publiek verkopen het wrak van het bij boei No. 26 in het Nauw van Bath gestrand Engels stoomschip SAPPHO, met de zich daarin nog bevindende goederen.
Informaties te bekomen bij de heer De Groof voornoemd en bij de heren John P. Best & Co., scheepsmakelaars te Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Vlissingen op 1 juni 1883. Volgens de uitslag der inschrijving van de verkoop van het stoomschip STAD BREDA der Stoomvaart-Maatschappij Zeeland is het hoogste bod gedaan door C.E. Massée te Goes voor NLG 16.260.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 1 juni. Aan boord van het stoomschip PRINSES MARIE der Stoomvaart-Maatschappij Zeeland werd gisteren avond de gehele thans voltooide electrische verlichting ontstoken, welke vervaardigd is door de firma W. Smit & Co. te Slikkerveer. Behalve de twee grote booglampen, die het gehele schip boven dek, alsmede de ponton verlichtten, werden een 80-stuks Swan-gloeilampen ontstoken, verdeeld over de salons, kajuiten en hutten, benevens de machinekamer. Het geheel maakte een prachtig effect en blijkens zoeven ontvangen telegram uit Queensboro heeft er gedurende de gehele zeereis geen enkele stoornis plaats gehad. Als een bijzonderheid kan worden vermeld, dat een en dezelfde dynamomachine de verlichting zowel voor de boog- als voor de gloelampen gelijktijdig ontwikkelt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam 1 juni. Aangaande de Nederlandse kotter, kapt. H. van der Leest, de 2e maart laatstleden van Delfzijl naar de Noordzee vertrokken, teneinde de vissersvloot van proviand te voorzien, heeft men sedert niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Nieuwe Afrikaansche Handelsvereeniging hield heden alhier, onder het voorzitterschap van de heer Hendrik Muller Szn., president-directeur, haar gewone jaarlijkse algemene vergadering.
De voorzitter bracht het jaarverslag ter tafel en gaf daartoe het woord aan het lid van de directie, de heer Schalkwijk, die aldus sprak:
Bij het uitbrengen van het 3e jaarverslag moeten wij in de eerste plaats in herinnering brengen, hoe sedert geruime tijd de blikken van verschillende naties op het gebied van de Congo gevestigd werden. Er ontwikkelde zich om het bezit van dat gebied een strijd, die soms dreigende vormen begon aan te nemen. Waar aan de ene zijde Frankrijk een deel wilde annexeren, zich grondende op een verdrag door de reiziger De Brazza gesloten met zekere Koning Makoko, liet Portugal zijn vermeende rechten weer gelden. Reeds scheen het ogenblik nabij, dat Engeland die volledig zou erkennen en het tekenen van een daarop betrekking hebbend traktaat werd als bijna zeker beschouwd.
Van onze kant meenden wij, zowel in het belang van onze vennootschap als van de Nederlandse handel, ernstige vertogen tot onze regering te moeten richten. Wij wendden ons tot onze Minister van Buitenlandse Zaken met een uitvoerig rekwest, waarin wij op de dreigende gevaren wezen en het belang aantoonden, dat het Congo-gebied geheel onafhankelijk territoir zou blijven.
Onze Kamer van Koophandel, die wij mededeling van ons rekwest gaven, heeft ons verzoekschrift ten krachtigste ondersteund.
Sedert hadden belangrijke interpellaties in het Engelse Lagerhuis plaats en is het gebleken, dat het Engelse ministerie voorlopig de eisen van Portugal niet wil toegeven. Doch wie kan zeggen, hoe onverwachts weer nieuwe onderhandelingen worden geopend, die wel eens tot geheel tegenovergestelde resultaten zouden kunnen voeren? Wij blijven daarom aan dit belangrijk onderwerp voortdurend onze aandacht wijden en zullen niet ophouden, die van de regering van ons land erop te vestigen.
Dankbaar erkennen wij, dat ons ministerie ons steeds bereidwillig gehoor verleende en op verschillende wijze toonde, het gewicht van de zaak voor Neerlands handel, scheepvaart en nijverheid volkomen te beseffen.
Buiten die strijd op politiek gebied gevoerd, hadden wij te kampen met grotere concurrentie aan de kust. Naast het Belgische Comité d' Etudes du Haut-Congo, dat op zijn vlag alleen wetenschappelijke bedoelingen schreef, is een commerciële combinatie ontstaan, die van de doorgenoemd Comité gedane ontdekkingen tracht partij te trekken en wel uitsluitend ten behoeve van Belgische belangen. Al zijn wij op den duur voor concurrentie niet bevreesd, toch mogen wij het oude spreekwoord "alle heiningen schutten wind" niet uit het oog verliezen.
De gevolgen van scherpe concurrentie waren natuurlijk, dat de prijzen voor de producten aan de kust werden opgedreven en dit te sterker, omdat de oogst weer niet overvloedig was.
Hieraan is het dan ook gedeeltelijk te wijten, dat de resultaten van onze handel wat minder gunstig waren; doch ook nog andere oorzaken werkten daartoe mede. De prijzen van manufacturen, waaruit een groot deel van onze uitvoeren bestaat, liepen niet onbelangrijk terug; wij moesten daarmede rekening houden bij de taxatie van de inventaris ter kust en dus vrij aanzienlijke afschrijvingen boeken.
De prijzen van de door ons aangevoerde artikelen waren in veel gevallen mede in ons nadeel, voornamelijk was dit het geval met koffie, waarvan wij grote hoeveelheden ontvingen. Tegenover een cijfer in doorsnede van 27 c., dat wij in ons tweede boekjaar voor dit artikel bedongen, staat voor het derde een doorsnee prijs van 19¼ c.
In ons vorig verslag deelden wij u reeds mede, dat wij een stoomboot lieten bouwen, die wij de naam AFRIKAAN gaven. Dit schip heeft tot nog toe volkomen voldaan aan de gunstige verwachting, die wij er van koesterden. Het maakte in het afgelopen boekjaar reeds 3 reizen uit en thuis. De exploitatierekening liet een winstcijfer van NLG 32.850,82, dat wij geheel tot afschrijving op het hoofd "stoomboten en schepen hierin administratie" hebben gebruikt.
Bovendien lieten wij hier te lande een schroefbootje bouwen, dat wij MORIAAN doopten en dat bestemd is voor de dienst van onze factorijen in Afrika; ook zonden wij naar de kust een paar kleinere vaartuigen.
Door al die uitgaven is de post "stoomboten en schepen hier in administratie" niet onbelangrijk verhoogd, doch werd er ook weer behoorlijk op afgeschreven.
Het pand, waarin de kantoren van de vennootschap gevestigd zijn, biedt weinig gunstige gelegenheid tot het bewaren van de steeds aangroeiende partijen monsters van onze uitvoerartikelen. Toen zich de gelegenheid voordeed, om het uiterst hecht pakhuispand Jonge Jakob tot aannemelijke prijs te kopen, meenden wij die niet ongebruikt te moeten laten voorbijgaan. Desnoods konden wij dan daarheen ons kantoor en monsterkamers verplaatsen en er intussen door verhuring een behoorlijke rente uittrekken.
Die verplaatsing zou evenwel nogal belangrijke verbouwing nodig hebben gemaakt. Voor enige maanden kochten wij een pand aan het Nieuwland, dat voor ons doel met veel minder kosten geschikt is te maken. Nu behouden wij dus het pand Jonge Jakob alleen tot bewaarplaats voor onze artikelen, terwijl wij de ruimte, die wij zelf niet nodig hebben, aan anderen verhuren.
Het assurantiefonds blijft vooruitgaan; het komt nu op de balans voor met NLG 41.382,95, hetwelk een vermeerdering aantoont van NLG 15.917,96.
Met de handel op Afrika werd behaald een zuivere winst van NLG 203.588,71
Winst exploitatie stoomboot AFRIKAAN NLG 32.850,82
Gemaakte rente NLG 7.647,66
----------------------
Bedragende dus de winsten NLG 244.087,19
Hiertegen werd afgeboekt:
Onkosten en salarissen alhier ......... NLG 45.137,47
Afschrijving op pand Jonge Jacob ......... NLG 426,54
Afschrijving op kustvaartuigen ......... NLG 206,25
Afschrijving op stoomboten en schepen
hier in administratie ......... NLG 35.509,35
---------------------
NLG 81.279,61
---------------------
Blijvende dus de zuivere winst ...................... NLG 162.807,58
Volgens art. 30 van de statuten wordt hiervan eerst uitgekeerd aan aandeelhouders 5 %
over het maatschappelijk kapitaal NLG 1.995.000 ..................... NLG 99.750,00
Van het saldo aan 3 leden van de directie, ieder 5 pct. NLG 9.458,54
============
Blijft ter verdere verdeling onder de aandeelhouders ........... NLG 53.598,94
Bij onverdeeld saldo winst 1881 ....................... NLG 290,77½
=============
NLG 53.889,71½
Welke te verdelen:
13.300 aandelen NLG 3,75 per aandeel ........................ NLG 49.875,00
Dividend-belasting ........................ NLG 3.831,03
Saldo op nieuwe rekening ........................ NLG 183,48½
-----------------------
Aandeelhouders ontvangen dus in het geheel NLG 11,25 per aandeel, zijnde 7½ % over het nominale bedrag. Dit dividend is betaalbaar op 1 juli.
De boekingen zijn door de heer B.P. van IJsselstein geregeld gecontroleerd. Hij bracht van zijn bevinding rapport uit aan de commissie tot opname van de rekening en verantwoording, die zich met onze opmaking heeft verenigd.
De heer B.P. van IJsselstein bracht verslag uit omtrent het door hem gehouden toezicht op de administratie.


03 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 juni. Het Nederlandse schip SCHIEDAM II, kapt. J. Nagel, van de Plata rivier naar Falmouth, is lek en met schade aan het staand want te Rio de Janeiro binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 2 juni. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is heden te Sundsvall gearriveerd het barkschip HARLINGEN, kapt. Fluchmacher van Amsterdam.


04 juni 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 juni. Aangaande de kotter EEMS, kapt. H. van der Leest, de 2e maart l.l. van Delfzijl naar de Noordzee vertrokken, ten einde de vissersvloot van proviand te voorzien, heeft men sedert niets vernomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Koninklijke Maatschappij De Schelde, Scheepsbouw- en Werktuigenfabriek te Vlissingen. Aan heren aandeelhouders wordt hiermede kennis gegeven, dat de dividendbewijzen no. 4, vanaf 15 juni e.k., betaalbaar zijn en wel, die van de 1e en 2e serie met NLG 60,-, en die van de 3e serie met NLG 11,25 per aandeel, bij de Amsterdamsche Bank te Amsterdam, de heren Spoors & Sprenger te Middelburg, en ten kantore der Maatschappij te Vlissingen.
Vlissingen, 1 juni 1883, Jos. Van Raalte, directeur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 juni. Het fregatschip INSULINDE, kapt. Van de Gevel, werd bevracht door de Nederlandsche Handel Maatschappij voor een volle lading koffie naar Nederland voor NLG 55 per last.


05 juni 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 juni. Het stoomschip PRINS VAN ORANJE, kapt. Wakker, van Batavia naar Amsterdam, passeerde hedenochtend te 3 uur Dungeness. Het kan hedenavond te IJmuiden worden verwacht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 4 juni. Volgens ontvangen telegram is gisteren te Libau aangekomen het schoenerschip GEERDINA, kapt. H. Kwint.


 GCO - Goessche Courant

Bij de opening, vrijdag te Vlissingen, van de inschrijvingsbiljetten voor de verkoop van het stoomschip STAD BREDA van de Maatschappij Zeeland, welke uit acht stuks hebben bestaan, bleek dat de hoogste inschrijver was de firma Wed. J.C. Massee & Zoon te Goes voor NLG 16.260; de laagste Ph. de Leef Jr. te Vlissingen voor NLG 11.280.
Het stoomschip was sinds enige jaren uit de dienst verwijderd als zijnde niet meer geschikt voor het passagiers- en goederenverkeer.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het Engelse stoomschip STRATHMORE in het laatst van het vorige jaar bij Callantsoog gestrand, later te Nieuwediep binnengesleept en de 18e december in het droogdok der Marine opgenomen, heeft nu het dok verlaten en zal in het begin der volgende week van hier vertrekken. De belangrijke werkzaamheden aan dit stoomschip zijn verricht door de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkoping van schepen:
- Te Amsterdam op 4 juni in het lokaal Frascati: het schoenerschip ZAANDAM, laatst gevoerd door kapt. Havinga, groot 131 ton en gebouwd in 1868, is voor NLG 3.907 verkocht.
- Het Nederlandse schip ODIN is te Drammen uit de hand verkocht aan de heer J.C. Mikkelsen te Brevig.


06 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 5 juni. Het Nederlandse stoomschip RHENANIA, van Bilbao met ijzererts naar Rotterdam, is op het Zuiden vastgevaren, behoeft niet te lichten en zal met het middaggetij wel weer vlot komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Katendrecht, 5 juni. Heden werd op de werf van de heren Rijkée & Co. alhier de kiel gelegd voor het stoomschip ARY SCHEFFER, groot plm. 500 registerton.
Dit schip zal worden gebouwd voor rekening van de heren Corns. Balguerie & Zn. te Rotterdam, voor de dienst tussen Rotterdam en Havre en zal worden gecommandeerd door kapt. F. Lambach. Het wordt ingericht naar voorschriften van Lloyds van de hoogste klasse en onder speciaal toezicht van de ingenieur Johannes de Hoog te Amsterdam.
De machines worden vervaardigd door de Koninklijke Maatschappij De Schelde te Vlissingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 4 juni. De loodskotter No. 7 van Goeree kwam gisteravond hier met noodtuig binnen, hebbende in zee de top der mast verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Volgens een telegram van gisteren is het fregatschip VOORLICHTER, kapt. Sipkes, in goede staat op Java aangekomen.


07 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 6 juni. Het Nederlandse schip ANNA MARIA WILHELMINA, kapt. A. Mosterman, van Borga naar Amsterdam is bij Farö gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 5 juni. Het Nederlandse stoomschip RHENANIA, van Bilbao naar Rotterdam, op het Zuiden vastgevaren, is zonder assistentie vlot gekomen, en is opgestoomd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juni. Het Nederlandse schip AMSTEL, kapt. Outgers, van Java te Falmouth binnen, heeft order bekomen voor Londen.


08 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Door bijzondere omstandigheden wordt op zeer aannemelijke voorwaarden te huur aangeboden de grote scheepstimmerwerf De Goede Verwachting, gelegen te Edam aan de binnenhaven bij de Zeesluis, met complete inventaris, van gereedschappen, hellingen, loodsen en een goed burgerwoonhuis.
Te bevragen met franco brieven bij C. de Jong, bouwkundige, te Edam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juni. Er is een contract afgesloten voor 33% van de waarde van het gestrande Nederlandse schip ANNA MARIA WILHELMINA om het af te brengen naar Slite.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Volgens een particulier bericht is het fregatschip A.H. VAN TIENHOVEN SR., kapt. Krijgsman, de 7e juni te Cardiff van Vlissingen aan gekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 6 juni. Het wrak van het op de rivier verongelukte SAPPHO is voor NLG 200 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lekkerkerk, 5 juni. Heden is bij de scheepsbouwmeester T. van Duyvendijk met goed gevolg te water gelaten het op zeilage gebouwde ijzeren Rijnschip genaamd ALBATROS, gebouwd voor rekening van de heer I.C. Geutjes, en dadelijk daarna de kiel gelegd voor een dergelijk Rijnschip, genaamd ST. SIMION, te bouwen voor rekening van de heer A. Hammersteyn. Beide zijn ook bestemd voor de vaart op Zeeland en België.


09 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Naar wij vernemen zal in de loop der volgende maand de Nederlandse driemastschoener BANDA, met een volle lading koopmansgoederen van allerlei aard, naar Zuid-Afrika vertrekken. De lading wordt verscheept door de verleden jaar te Amsterdam opgerichte Maatschappij ter Bevordering der Handelsbetrekkingen tusschen Nederland en Zuid-Afrika en is bestemd voor de Nationale Boeren-Handelsvereeniging in de Zuid-Afrikaanse Republiek. Het vaartuig zal zo mogelijk de goederen lossen in Delagoabaai of anders te Port-Natal.
Het doet ons genoegen dit heugelijk feit te kunnen vermelden, niet alleen omdat het getuigt van de herlevende ondernemingsgeest der Nederlandse kooplieden, maar vooral omdat de aanknoping van rechtstreekse handelsverbindingen met onze Transvaalse stamgenoten een belangwekkende gebeurtenis kan genoemd worden.
’t Is te hopen en te verwachten, dat dit feit de voorloper is van een geregelde stoomboot-dienst onder Nederlandse vlag op geheel Zuid-Afrika.
(opm: op zo’n stoombootdienst zal men nog tot 1919 moeten wachten)


  JB - Javabode

Naar wij vernemen heeft de Raad voor Justitie alhier de terechtstelling (opm: berechting) bevolen van de persoon van H. Thomas oud 39 jaren, geboren te Amsterdam, van beroep stuwadoor bij de firma Hoijnck & Co alhier, vroeger gezagvoerder van het schip GERRIT, terzake dat hij, na reeds terzake van misdrijf tot 3 jaren gevangenis te zijn veroordeeld, moedwillig:
- In de laatste dagen van de maand mei 1882 toen hij zich met zijn schip benedenstrooms de Soensang (Palembang) bevond, den metroos Baradani alias Perdani, die verklaarde aan zijn bevel te werken, op grond van ziekte, niet te kunnen voldoen, herhaaldelijk met een eind touw, dan wel een rotan geslagen heeft;
- In de eerste dagen van de maand juni d.a.v. toen hij zich met zijn schip tussen Palembang en de Soensang bevond, den matroos Wongso (Troenowongso), die evenzeer wegens ziekte geen dienst kon doen, herhaaldelijk met een rotan en toen deze brak, met een touw geslagen heeft;
- Op 13 juli d.a.v. des morgens vroeg, ter rede van Palembang, de bottelier Ardja met de hand op het hoofd en met een eind touw op de beide handen en de billen geslagen heeft, welke feitelijkheden kwetsuren hebben ten gevolge gehad, die eerst na verloop van ongeveer 20 dagen zijn genezen.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

De schoener MATARAM die zoals wij onlangs bericht hebben op de Patras Shoals in de maand april gestrand was en door de kapitein en stuurman in een kleine sloep is verlaten, tewijl de overige Maleise bemanning (met uitzondering van één die de kapitein op zijn tocht naar Hongkong vergezelde) op de Patras (een stuk rots midden in de zee, waar menig theeschip reeds afgelopen is) achterbleef, is op de 10e mei afgedreven. De stoomboot TAMSAI ontmoette het wrak van de MATARAM nabij Capsi Point en sleepte haar naar Swatow binnen. De bemanning (waarvan men te Hongkong vreesde, dat ze zouden moeten verhongeren op de kale rots) was reeds vroeger gered door de Engelse gun boot SWIFT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden, 4 juni 1883, heb ik, Johannes Cornelis van Baaren, deurwaarder bij de Arrondissements-Rechtbank te Rotterdam, wonende te Vlaardingen, ten verzoeke van Kornelia Slot, huisvrouw van Willem de Looper, wonende te Maassluis, gedagvaard Willem de Looper, laatst gewoond hebbende te Maassluis, doch thans zonder bekende woonplaats, om op maandag de 10e september 1883, des voormiddag ten 11 ure, te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissements-Rechtbank te Rotterdam,
- aangezien de gedaagde de 8e maart 1876 als matroos op het schoenerschip ALEGONDA, kapt. H.J. Smit, van Rotterdam is vertrokken op reis naar de Middellandse Zee, alwaar hij behouden aan wal is aangekomen.
- aangezien genoemd schip op de terugreis in april 1877 tussen de Middellandse Zee en Cardiff met de equipage is vergaan en dan ook sedert die tijd van gedaagde nooit weer iets is vernomen.
- aangezien eiseresse na bekomen rechterlijk verlof een tweede huwelijk wenst aan te gaan.
Mitsdien aan gemelde rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken.
Van Baaren, deurwaarder (opm: bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 7 juni. De Nederlandse brik VRIJHEID, van de Molukken naar Nederland had op de reis zwaar weer doorstaan, waardoor het schip zeer lek werd. De equipage verliet toen het schip in de boten. Het schijnt naderhand bij Port Shepstone gestrand te zijn op 30 april. Door de sleepboot LIAN werd de equipage van Himzinkulu rivier te Durban gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 8 juni. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is heden van Nyköping te Sundsvall gearriveerd het schip ALLEGONDA JACOBA, kapt. Ebes.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 juni. Volgens een telegram is het barkschip NEREUS, kapt. Schrier, de 31ste mei laatstleden van Amsterdam te Batavia aangekomen, en heeft aldaar een vracht naar Nederland afgesloten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 15 mei. De Nederlandse brik VRIJHEID, kapt. Nadort, van de Molukken naar Amsterdam, is de 10e mei nabij Port Shepstone op de Afrikaanse kust gestrand. De equipage werd gered.


10 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 9 juni. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het schip ELISABETH, kapt. Koen, van Geestemünde te Borga gearriveerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. P.H. Craandijk en J.F.L. Meijes, makelaars, zullen op last hunner principalen, op maandag 25 juni a.s., in het Lokaal Frascati in de Nes alhier, te 3 uren precies, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, presenteren te verkopen het extra snelzeilend, welbekende Nederlandse barkschip ANNA EN BERTHA, gevoerd door kapt. K. Wijtsma, groot 404 tonnen, en dat met al zijn staand en lopend tuig en verdere toebehoren, als verder bij inventaris zal worden vermeld.
Genoemd schip is zeer geschikt voor de houtvaart, staande geheel ledig en ligt aan de Werf Concordia van de heer W.A. Huygens, Oostenburgervoorstraat, alhier. Is inmiddels uit de hand te koop en mede te bevragen bij de heren Van Tubergen en Daam, cargadoors alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 8 juni. Volgens een telegram moet het Nederlandse barkschip SCHIEDAM II, kapt. Nagel, van de Plata rivier naar Falmouth, te Rio de Janeiro binnen gelopen met een lek, de lading lossen om onderzocht te kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 9 juni. Gisteren namiddag is van de werf Frederiksoord van de bouwmeester G.H. Uitdenbogaardt met het beste gevolg van stapel gelaten het nieuwgebouwde loggerschip FRANS, bestemd ter haring- en kabeljauwvisserij voor rekening van de heren Spuybroek en Uitdenbogaardt alhier, gevoerd zullende worden door schipper I. Smit.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 5 mei. Vrachten. Ten gevolge van het verspringen der mails (opm: de Maatschappij Nederland voert de tiendaagse dienst in, i.p.v. elke twee weken) loopt het bericht ditmaal over een korter tijdperk dan gewoonlijk en deze omstandigheid heeft mede daartoe bijgedragen, dat het heden te vermelden aantal afdoeningen zeer gering is. Het geringe aantal onbevrachte schepen staat geheel in verhouding tot het disponibele product, want voor de verscheep van het weinige overblijvende zouden enkele bodems voldoende zijn. In de naburige havens komt echter meer vraag en zullen die plaatsen zeker geen onwelkome uitweg zijn voor de naar hier onderweg zijnde schepen, daar nagenoeg niet anders overblijft dan op het nieuwe seizoen te blijven wachten. Naar Nederland kwam geen product aan de markt en zijn dan ook geen afdoeningen te melden. Naar het Kanaal werd slechts een enkel charter gesloten voor een vracht in lump sum, doch op basis van GBP 2.10/-. Voor copra van Celebes werd nog geen schip gevonden. Naar Amerika verkreeg een vaartuig van matige grootte GBP 2.12/6 voor een nagenoeg volle lading van Padang naar New York, Suiker werd niet aangeboden. Naar Australië werd niets afgedaan.
De afdoeningen van Nederlandse schepen waren: stoomschip ZEELAND NLG 90 koffie, NLG 67.50 tabak, NLG 40 tin naar Nederland; MARIE GBP 2.12/6 voor koffie van Padang naar New York.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: INSULINDE en stoomschip SOENDA


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 juni. Het eerste van de bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen gebouwde stoomschepen voor de Stoomvaart Maatschappij Insulinde, genaamd KONING WILLEM III, is heden met goed gevolg te water gelaten in het bijzijn van een ontelbare menigte belangstellenden. De gebruikelijke plechtigheid van het dopen, door het stukwerpen tegen de voorsteven van een met de nationale kleuren versierde fles wijn, werd verricht door het dochtertje van een van de commissarissen van de Maatschappij, de jonge juffrouw Hendrichs.


11 juni 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Uit Nederland bericht men:
De stoomschepen der Maatschappij Nederland zullen achtereenvolgens hun ijzeren schroefassen tegen stalen verwisselen. Het stoomschip PRINS HENDRIK moet binnen enkele dagen deze bewerking ondergaan en zal daarom de 23e mei a.s. niet naar Indië vertrekken, doch vervangen worden door het stoomschip PRINSES MARIE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 5 mei. Volgens een telegram van Soerabaja van gisteren was het Nederlandse schip DINA van Macassar derwaarts vertrokken om te worden nagezien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 10 juni. Het barkschip KINDERDIJK, kapt. Disper, arriveerde gisteren na een reis van 169 dagen van Banjoewangi behouden te Marseille. Aan boord is alles wel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Op de scheepswerf der Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen liep hedenmiddag het stoomschip KONING WILLEM III, gebouwd voor de Stoomvaart- Maatschappij Insulinde, van stapel.
Een groot aantal genodigden, waaronder de burgemeester van Amsterdam, de heer Mr. G. van Tienhoven, woonden de plechtigheid bij. Onder een luid hoera trok mejuffrouw Hendrichs, het dochtertje van de directeur der Maatschappij Insulinde, het laatste steunpunt weg en gleed het schone schip langs de gladde helling naar beneden.
Toen het reusachtige gevaarte in het water onderdook, verdeelde de gladde oppervlakte van de Pijp zich in tweeën en omsloot hoog opspattend de pantserhuid van het nieuwe mailschip. Een dikke wolk witblauwe rook steeg naar boven en een hoge golf rolde over het water en bespatte de talrijke arbeiders, die aan de kanten van het water waren neergehurkt en in wilde haast op de vlucht sloegen.
Het schip lag prachtig in ’t water en wij hopen dat het zal bewijzen, dat Nederland even deugdelijke schepen voor de grote mailvaart kan leveren als het buitenland.


12 juni 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 9 juni. Bij de kruithaven liggen geankerd de schepen AETHIOPIA, kapt. A.B.M. van Gijzelen, om bij te laden voor de westkust van Afrika, en KORNELIS LAMBERTUS, kapt. F.K. Faber, om dynamiet te laden voor Londen.


  JB - Javabode

Deli, 30 mei. Met groot genoegen vernemen wij, dat de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij eindelijk het verstandige besluit genomen heeft ons een goede boot te geven, namelijk de prachtige en comfortabel ingerichte SIAK. Tot nog hebben wij zulke ellendige schuiten gehad, dat er slechts gebruik van gemaakt werd door hen, die daartoe verplicht waren, door ambtanaren.
De particulieren maakten steeds gebruik van de GANYMEDE, een Engels bootje, dat geregeld tussen hier en Singapore vaart, en zo groot was het onderscheid tussen dit bootje en die van de Maatschappij, dat men het eerste, op zijn Engels GANYMEED noemende, de laatste betitelde als ga-niet-mee. Tegen de SIAK zal de GANYMEDE echter een moeilijke mededinging hebben en wij twijfelen niet of de laatste zal spoedig ten minste de lelijke naam wegnemen, die de Maatschappij – en terecht - hier had.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 juni. Gedurende de maand maart zijn de volgende Nederlandsche schepen verongelukt:
- Het Rotterdammer stoomschip AR SCHEFFER, kapt. B. Timmermans, zonk op de reis van Havre naar Rotterdam.
- De Appingedammer galjoot GEESZIEN, kapt. B. Koburg, werd op de reis van Delfzijl naar Krageroe op zee verlaten.
- De Veendammer galjoot HOOP, kapt. H.D. Douwes, van Groningen naar Southampton, werd vermist en is waarschijnlijk op de Engelse kust met de bemanning verongelukt.
- De Amsterdammer bark JACOBUS ANTHONIE, kapt. G.R. Visser, trof op de reis van Riga naar Amsterdam gelijk lot en de Amsterdammer bark OBI, kapt. A.G. Rijnsaardt, van Ilo-Ilo naar Boston bestemd, werd afgekeurd.
De volgende verandering van scheepsnamen etc. heeft plaats gehad:
- De schoener ZEEVAART, gevoerd door kapt. D. Ritzes, werd gedoopt A.H. VAN BERGEN en kwam onder gezag van kapt. G.H. Eefting, reder F.H. Drenth te Oude Pekela.
- Het schip ALICE kreeg de naam ACADIE, gezagvoerder kapt. A.K. Oldenburger, reder J.H. Henkes te Delfshaven.
- Het schip ITALIA bekwam de naam AETHIOPIA en kreeg tot gezagvoerder kapt. A.B.M. van Gijzelen, reders Hendrik Muller & Co. te Rotterdam.
- De kof GRIETJE, gezagvoerder kapt. K.H. Voordewind, ontving de naam LAMBERTUS HERMANUS, reder D. Ditmar te Buiksloot.
- De bark BALTIC, kapt. O. Arnesen, vaart thans onder de naam VICTORIA en onder het bewind van kapt. A. Hutjes, reder L.W.F. Oudenhoven te Helder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens beweren der Scheveningse vissers begint het wrak van de ADDER te werken. In de laatste dagen werden herhaaldelijk voorwerpen in de netten gevonden, afkomstig van de bemanning.


  AH - Algemeen Handelsblad

Curaçao, 12 mei. Het schip HILDA, kapt. Griffiths, van Guadaloupe in ballast naar Curaçao, is 2 mei bij Bonaire gestrand en totaal wrak geworden; de equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Winschoten, 9 juni. Het hier te huis behorende schoenerschip BELLE, gevoerd door kapt. W.B. Eefting, lek en met meer andere schade te Kastrup binnen, is niet afgekeurd, maar zal gerepareerd worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 juni. Omtrent het verongelukte brikschip VRIJHEID, gevoerd door kapt. C. Nadort, van de Sangir-Eilanden (Molukken) herwaarts, wordt nader bevestigd, dat dit schip de 30ste april op de rivier Imbezane, bij Port Shepstone (Natal) strandde. Het had met hevig stormweder te kampen gehad, ten gevolge waarvan het lek gesprongen was en ofschoon de bemanning verscheiden dagen pompte, zag zij zich genoodzaakt het schip met de boten te verlaten en werd daarna door de sleepboot LION van de rivier Umzinkulu (Natal) te Durban aan wal gezet.


13 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Leith, 10 juni. Het Nederlandse brikschip CONFIANCE, kapt. Grasdijk, in november ll. alhier met aanzienlijke schade binnengelopen is gisteren, na volbrachte reparatie, naar Kopenhagen vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 juni. J.L. Zaterdag werd aan de werf van Gebrs. G. & H. Bodewes te Martenshoek te water gelaten een ijzeren tjalkschip, groot plm. 130 tonnen, zullende bevaren worden door schipper R. ten Napel van Steenwijk, en werd wederom de kiel gelegd voor een ijzeren tjalkschip voor rekening van schipper H. van Eijken van Zwartsluis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 11 juni. Door schipper Hollaar, voerende het visloggerschip ZEE- EN LANDBOUW, hier binnen, is op de 4e dezer op 57º NB opgevist een groen geverfd voordeksel van een zeemanskist, waarop met witte letters: R.J. Starke, N.-Pekela.


  AH - Algemeen Handelsblad

Op het meer van Genève zijn onlangs proeven genomen met een stoomschip van geheel nieuwe vorm, gebouwd naar de plannen, ontworpen door prof. Pictet.
Het nieuwe stoomschip heeft een vlakke bodem, welke naar de achtersteven een bolvormige welving verkrijgt en derhalve meer diepgang aan het achtergedeelte van het vaartuig geeft. Zodra de stoomboot in beweging komt en door middel van de schroef wordt voortgestuwd, dringt het water zijwaarts naar voren en heft het vaartuig aan de voorsteven opwaarts.
Ligt de boot stil, dan heeft zij betrekkelijkerwijze tamelijk veel diepgang, maar naar gelang zij met meer snelheid wordt voortgestuwd, heft zich de voorsteven allengs meer opwaarts; de wrijving, de tegenstand, die het stoomschip bij zijn voortgang ondervindt van het water, vermindert in gelijke evenredigheid, zodat het eindelijk meer en meer over de watervlakte schijnt te glijden.
Zowel van voren als van achteren heeft de boot een roer: de lengte van voor- en achtersteven is 20 meter en de breedte middenscheep, bedraagt 3,9 meter Het voorroer wordt gebezigd bij langzame, het achterroer bij snelle vaart.
Ten einde zich door proefnemingen te overtuigen in hoeverre de boot met een bekend snellopend stoomschip zich kan meten, werd LA GITANA, toebehorende aan de heer Rothschild, daartoe gekozen. Toen bleek, dat, zolang de snelheid minder was dan 19,5 km/u, LA GITANA de voorrang behield; bij 19,5 km/u snelheid won het de stoomboot Pictet en naar gelang de snelheid vermeerderde, streefde laatstgenoemde allengs verder voor haar mededingster uit. Hierbij kwam nog een ander voordeel in aanmerking, namelijk dat de boot-Pictet daarbij de helft der stoomkracht van LA GITANA behoefde aan te wenden, een afdoend bewijs dat de berekeningen van prof. Pictet volkomen juist waren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Uit zo pas verschenen Statistiek der Scheepvaart, 1882, uitgegeven door het departement van waterstaat, handel en nijverheid (1e gedeelte, lopende over: koopvaardijvloot, scheepvaart en bemanning) blijkt dat de sterkte der Nederlandse koopvaardijvloot op de 31e december der vijf laatste jaren bedroeg:
Zeilschepen Stoomschepen Totaal
Jaren Aantal M3 Aantal M3 Aantal M3
1878 1.180 847.047,55 79 168.307,69 1.179 1.015.355,24
1879 1.044 817.904,75 76 165.994,37 1.120 983.899,12
1880 917 746.801,99 79 182.234,91 996 929.036,90
1881 802 658.887,40 78 204.396,00 880 863.283,40
1882 751 615.602,70 86 241.321,46 837 856.924,16
Tegen 61 zeilschepen minder, waren er dus in het laatste jaar 8 stoomschepen meer aanwezig; dat betekent dus voor het gehele getal koopvaardijschepen een vermindering van 43 schepen. De gezamenlijke inhoud nam af met 6,359,24 M3.
Door het verkrijgen van een eerste zeebrief werden in 1882 onder Nederlandse vlag gebracht: 39 zeilschepen met een gezamenlijke inhoud van 22.906,42 M3, waarvan 16, met 2.581,56 M3, gebouwd zijn in Nederland; 11 stoomschepen, met een inhoud van 42.552,85 M3, waarvan 3, met 9.475,35 M3, gebouwd in Nederland. In 1881 bedroegen deze cijfers voor zeilschepen: 17 met 14.773,25 M3, waarvan 6 met 3.723,95 M3 in het binnenland gebouwd; en voor stoomschepen: 10 met 38.657,64 M3, waarvan 2 met 1.493,57 M3 in Nederland van stapel gelopen.
In 1882 zijn in het geheel ingeklaard 8.467 geladen schepen, metende 11.143.445 M3 d.i. 365 meer dan in 1881, met een meerdere ruimte van 1.240.968 M3. Het aantal in ballast ingeklaarde schepen bedroeg in 1882: 309, metende 203.777 M3 d.i. 9 schepen en 26.355 M3 meer dan in 1881.
Van de in 1882 ingeklaarde schepen voeren onder Nederlandse vlag: 2.376 geladen schepen, metende 3.163.256 M3 en 128 schepen in ballast, metende 40.428 M3. Dat is 177 geladen schepen en 293.046 M3 meer en 8 schepen in ballast met 13.371 M3 minder dan in 1881.
Het gehele aantal uitgeklaarde schepen bedroeg in 1882: 4.915 geladen schepen met 6.167.052 M3 inhoud, waarvan 1.797 met 2.544.555 M3 onder Nederlandse vlag; en 3.870 schepen in ballast, met 5.154.451 M3, waarvan 769 met 694,832 M3 onder Nederlandse vlag. Het gehele getal der in 1882 uitgeklaarde schepen wijst een vermeerdering aan met 175 schepen, metende 478.931 M3 voor de geladen en van 137 schepen met 635.265 M3 voor die in ballast. Het aantal onder Nederlandse vlag geladen uitgeklaarde schepen nam toe met 104, en 225.335 M3, dat van die in ballast met 51, en 21.357 M3.
Het aantal geladen stoomschepen dat in 1882 werd ingeklaard bedroeg, 5.500 metende 8.847.098 M3, waarvan 1.184 onder Nederlandse vlag, met 2.312.987 M3 hetgeen een vermeerdering boven 1881 oplevert van 724 met 1.554,222 M3 voor het totaal, en 104 met 274.669 M3 voor de Nederlandse vlag.
In ballast werden ingeklaard 105 stoomschepen, met 158.499 M3, d.i. 18 met 33.800 M3 meer dan in 1881; daarvan voerden 5, metende 8.033 M3 de Nederlandse vlag, d.i. 4 met een inhoud van 8.567 M3 minder dan in 1881.
In 1882 zijn uitgeklaard 3.512 geladen stoomschepen, metende 5.327.380 M3 en 2.023 in ballast metende 3.684.680 M3 d.i. 200 geladen stoomschepen en 454.672 M3 en 488 in ballast met 1.037.881 M3 meer dan in 1881. Onder Nederlandse vlag werden in 1882 uitgeklaard 1.139 geladen stoomschepen metende 2.232.025 M3 en 46 in ballast, met 84.433 M3 d.i. 77 geladen met 210.519 M3 en 4 in ballast met 1.674 M3 meer dan in 1881.
Het aantal der Nederlandse vlag in het totaal der zeilschepen beliep in 1882: 37,62 %, in 1881 32,64 %, het totaal der stoomschepen: in 1882 25,76 %, in 1881 27,97 %, wat de inklaring betreft. Ten aanzien der uitgeklaarde schepen waren de verhouding respectievelijk in 1882: 38,30 en 25,99 %, tegen 31,87 en 28,36 % in 1881.
De bemanning der koopvaardijvloot bestond in 1882 uit 12.615 Nederlanders en 3.613 vreemdelingen, dus 77,74 % Nederlanders tegen 22,26 % vreemdelingen. In het getal der scholen waaraan zeevaartkundig onderwijs wordt gegeven, kwam geen verandering.
Gedurende 1882 werden o.a. te Rotterdam aangemonsterd 574 Nederlanders op zeilschepen en 2.480 op stoomschepen, tegen 634 vreemdelingen op zeilschepen en 1.112 op stoomschepen. Het totaal der aangemonsterden bedroeg: op 918 zeilschepen 5.089 Nederlanders en 1.866 vreemdelingen; op 281 stoomschepen: 6.956 Nederlanders en 1.632 vreemdelingen. Bijgemonsterd werden op de zeilschepen: 229 Nederlanders en 38 vreemdelingen, op de stoomschepen 350 Nederlanders en 77 vreemdelingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 10 juni. Het Nederlandse schip PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL is met assistentie van een Zwitsers bergingsstoomboot van Kastrup, na een deel van de lading gelost te hebben, vlot gekomen en hier binnen gebracht. De kosten van het afbrengen zijn GBP 200. Het schip zal binnen enige dagen de reis voortzetten naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 juni. Met zekerheid kan worden medegedeeld, dat de nieuwe mailboot, te Glasgow voor de Stoomvaart-Maatschappij Zeeland in aanbouw, in overleg met de koninklijke familie, in plaats van PRINSES WILHELMINA te worden genaamd, zoals aanvankelijk gedacht en vastgesteld was, thans definitief zal heten WILLEM PRINS VAN ORANJE, alzo naar de overleden kroonprins.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 5 juni. Het Nederlandse barkschip CONFIANCE, dat afgelopen jaar in november hier vol water en met zware schade binnen gesleept werd, is gisteren, na beëindigde belangrijke schade, van hier vertrokken naar Kopenhagen.


14 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Stoomvaart-Maatschappij Zeeland. Op de vergadering van aandeelhouders, de 18e dezer alhier te houden, zal worden voorgesteld, na belangrijke afschrijvingen, het dividend over het afgelopen jaar te bepalen op 5,4 %.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 13 juni. Het stoomschip VESTA, van Bordeaux naar Amsterdam, heeft door aanvaring enige lichte schade bekomen, die te Bordeaux gerepareerd is. Het heeft de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 11 juni. Het Nederlandse stoomschip VESTA, van hier naar Amsterdam, was de 9e ’s avonds bij het vertrek in aanvaring met de Franse vissloep VAUBAN, die daardoor enige schade leed aan het voorschip. Hoewel de VESTA de reis eerst heeft voorgezet, bemerkte men later dat het anker van de VAUBAN een gat in één der platen had veroorzaakt, waardoor het genoodzaakt werd terug te keren. De schade werd spoedig hersteld en is het stoomschip weder vertrokken. De schade aan de VAUBAN wordt door de VESTA vergoed.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Natal, 11 mei. Het reeds dikwijls door ons vermelde brikschip VRIJHEID, kapt. Nadort, van de Molukken naar Amsterdam, is 27 april lek gesprongen, ten Zuiden van Kaap Recife. De 30e april, ongeveer 24 mijl van Umzimkula werd het schip door de equipage verlaten en zonk het een uur nadat het door hen verlaten was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Een particulier schrijven uit Vardoe van 30 mei van de commandant van de WILLEM BARENTS, heden door een ingezetene van Utrecht ontvangen, meldt het volgende:
Na een zeer voorspoedige reis van 21 dagen kwamen wij in welstand te Vardoe aan.


15 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 14 juni. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het schip NICOLAAS, kapt. Burghoudt, van Malmö te Hernösand gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gorinchem, 14 juni. De firma Fop Smit & Co. heeft heden de boten QUAKERNAAT gekocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 20 mei. Het Nederlandse schip AREND, kapt. Fijn, vertrekt van hier in ballast naar de Eilanden.
(opm: mogelijk worden de Nederlandse West-Indische eilanden bedoeld)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Calais, 9 juni. Het schip FANNY, van Curaçao naar Stettin met fosfaat, is hier binnen gelopen met zware schade, zijnde in aanvaring geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 14 juni. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG, kapt. Van den Bos, is van Bassein (Burma) komende, lek te Penang binnen gelopen.


16 juni 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 16 juni. Uit de Straits Times van 7 juni zien wij, dat de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, om te voldoen aan de bepaling van het Nederlands-Indische Gouvernement, dat alles naar Atjeh met Nederlandse schepen moet vervoerd worden, al de boten, die tot nu toe het eigendom waren van Gebrs. Katz en onder Engelse vlag voeren, heeft overgenomen. Ze werden vroeger reeds voor hetzelfde doel gedeeltelijk althans gebruikt en moeten mooie schepen zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 juni. Van de lading per het Nederlandse schip ELISABETH, kapt. De Jonge, van Gent naar St. Petersburg, zijn 264 zakken suiker wegens beschadiging verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 juni. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Van der Velden, 14 mei van hier te Suriname aangekomen, lag volgens een particulier bericht reeds de 8e te voren bij het fort Amsterdam geankerd om kruit te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 15 juni. Volgens een telegram is heden te Laurvig aangekomen het schip JANTJE, kapt. Visser, van Delfzijl.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 15 juni. Betreffende de zeemanskist met de naam R.J. Starke, Nieuwe Pekela, deelt de Eemsbode mede, dat op het schoenerschip MARIA, kapt. L. Meijering, de 2e maart van Delfzijl naar Laurvig vertrokken, en waarvan sedert niets meer is vernomen, aangemonsterd was een R.J. Starke als stuurman, en bevestigt het vermoeden, dat dit schip met de gehele equipage, waaronder de jonge vrouw van de kapitein een prooi van de golven is geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vierverlaten, 15 juni. Dinsdag (opm: 12 juni) is van de werf van J. Mulder te Vierverlaten (Groningen) te water gelaten een ijzeren paviljoentjalk, groot pl.m. 75 ton, voor rekening van G. de Groot te Lemmer, en zijn weder in aanbouw gebracht een ijzeren tjalk voor J. Dijkstra, en een dito tjalk, groot plm. 110 ton, voor J. Hageman, beide te Groningen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Papendrecht, 13 juni. Heden is aan de werf van de heren Gebr. van Duyvendijk met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnzeilschip, genaamd MARIA EN ANNA, groot 175 last, gebouwd voor rekening van de heer J. van Steen te Prinsland.
Terstond werd de kiel gelegd voor een dergelijk schip, genaamd DE TIJD ZAL ’T LEEREN, voor rekening van de heer C. Hovestadt te Werkendam.


17 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Heden is van de werf De Nachtegaal in de Groote Bickerstraat, te water gelaten een ijzeren graanlichter, waarna de kiel zal gelegd worden voor een dergelijk ijzeren vaartuig, en voor een ijzeren schroefsleepboot, waarvan de compoundmachine en ketel van 50 ipk in dezelfde fabriek vervaardigd worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappij Nederland. De directie maakt bekend dat de coupons no. 8, van de obligaties der 4¼ % geldlening 1879, groot NLG 22,50 en de coupon no. 4, van de obligaties der 4 % geldlening 1881, groot NLG 20,-, beide van 1 juli 1883 af, betaald zullen worden ten kantore der Kasvereeniging alhier.


  AH - Algemeen Handelsblad

Kopenhagen, 13 juni. Het Nederlandse schip PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL, kapt. Swart, van Riga naar Amsterdam, heeft ogenschijnlijk niet geleden en zal na de lading weder ingenomen te hebben, binnen weinige dagen de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremen, 15 juni. Het Nederlandse schip WINSUM EN OBERGUM, van hier met verfhout naar St. Petersburg, heeft bij Nargen gestoten en is met verlies van deklast te Reval binnen gelopen.


18 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 11 juni. Het op Farö gestrande schip ANNA MARIA WILHELMINA is zo zwaar lek, dat het stoomschip NEPTUN met alle kracht en met de beste pompen werkende, het schip niet leeg heeft kunnen krijgen.


  JB - Javabode

Anjer, 18 juni. De Amerikaanse driemaster MATCHLESS, kapt. Dawis, van de Philippijnen naar Worchester met suiker, is bij Tamarinde-eiland gezonken. De bemanning en gezagvoerder zijn te Anjer aangekomen.


19 juni 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Wisby, 11 juni. Het Nederlandse schip ANNA MARIA WILHELMINA, kapt. Mosterman, van Borea naar Amsterdam, bij Farö gestrand, is zo lek, dat de sleepboot NEPTUN, die er bij is, het schip met zijn krachtigste pompen niet vrij kan krijgen.
Amsterdam, 18 juni. Volgens particulier ontvangen bericht is het Nederlandse schip ANNA MARIA WILHELMINA, kapt. Mosterman, wrak geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het barkschip KOSCIUSKO, in 1862 te Aberdeen door de bouwmeester Hood gebouwd, groot volgens Engels register 1.192 ton netto, in 1882 geheel nieuw gekoperd en in 1881 geclassificeerd A 1 Red Engelse Lloyd voor 4 jaar.
Voor nadere bijzonderheden vervoege men zich bij de agent R. Twist Hzn. te Rotterdam


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 18 juni. Het Nederlandse fregatschip AUGUSTE, kapt. Hofman, van Makassar naar Amsterdam, liep lek te Batavia binnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In het verslag der Maatschappij Zeeland, in ons eerste blad, is het cijfer van het personenvervoer niet juist medegedeeld; in 1882 bedroeg dit 26.372 personen meer dan in 1881.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 juni. Volgens een particulier bericht is het schip LAMBERTHA, kapt. Bos, van Harlingen te Brevig gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit het verslag over 1882, heden in de algemene vergadering van deelhebbers van de Stoomvaart Maatschappij Zeeland uitgebracht, bleek o.a. dat het afgelopen jaar zich kenmerkte door twee belangrijke gebeurtenissen, namelijk het ongeval aan de landingsplaats te Queenborough en de opheffing van de garantie van de 4½ % obligatielening.
In de toestand van de pier te Queenborough is nog geen verandering gekomen, zodat de ontvangsten van het goederenvervoer daaronder blijven lijden.
De tweede gebeurtenis oefende een hoogst belangrijke en gunstige invloed uit op de financiële toestand van de Maatschappij. Niettegenstaande de grote opofferingen voor geregeld goederenvervoer, na afschrijving voor het ketelfonds van NLG 36.000, van eerste aanleg ad NLG 48.722 en voor buitengewone reserve ad NLG 100.000, wijst de rekening nog een voordelig saldo aan van NLG 125.281, waardoor een dividend van 5,4 % op beide categorieën van aandelen kan worden uitgekeerd. Er werden 66.046 reizigers vervoerd, tegen 63.953 in 1881. Het goederenvervoer was slechts 620 ton beneden dat in 1881. De bruto opbrengsten beliepen NLG 1.071.345 tegen NLG 1.074.810 in 1881. Het goederenvervoer gaf NLG 33.581 minder, het personenvervoer NLG 26.872 minder dan in 1881, hetgeen de omstandigheden in aanmerking genomen niet ongunstig is. Het postvervoer blijft steeds toenemen. De Staat was daarvoor verschuldigd NLG 145.433, doch daar de Maatschappij per contract aanspraak heeft op NLG 151.000 werd het overige bijgepast. De exploitatiekosten bedroegen NLG 727.594 of NLG 1.993,41 per reis tegen NLG 1.985 in 1881. Vertegenwoordigd waren 1.178 aandelen, rechtgevende op 152 stemmen. Zonder debat werd, bij hoofdelijke stemming, unaniem goedgekeurd een voorstel van commissarissen tot aankoop van bewijzen van deelgerechtigdheid in de Maatschappij. Dientengevolge moet een wijziging in de statuten worden gebracht, waartoe thans wegens onvoldoend aantal vertegenwoordigde aandelen niet kon worden overgegaan, zodat ten deze zal vergaderd worden op aanstaande maandag. Ook een vraag werd geantwoord dat de pier te Queenborough weldra weer geheel hersteld zal zijn. Het verslag, de balans, alsmede de winst- en verliesrekening werden goedgekeurd en het dividend zoals voorgedragen was vastgesteld op 5,4 % of NLG 27 voor een aandeel.
De vergadering werd hierop gesloten.


20 juni 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 18 juni. Het Nederlandse schoenerbrikschip CHARM, groot 196 tonnen, gebouwd in 1856, is uit de hand aan een Noors huis verkocht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappij Zeeland, Koninklijke Nederlandsche Postvaart.
De directie bericht dat in de heden gehouden Algemene Vergadering het dividend over 1882 is vastgesteld op 5,4 % of NLG 27,- per geheel en NLG 13,50 per half aandeel, en de uitbetaling daarvan zal geschieden ten kantore van de Associatie-Cassa te Amsterdam, op 25 juni 1883, en volgende dagen, tegen intrekking van dividendbewijs No. 1.
Vlissingen, 18 juni 1883.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 17 juni. Volgens particulier telegram is het brikschip ONDERNEMING, kapt. Kuiper, van Norrköping, gisteravondbehouden te Sundsvall aangekomen.
Van de 18de. Volgens particulier bericht is het schip LAMBERTHA, kapt. Bos, van Harlingen te Brevig gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 19 juni. Volgens een telegram uit Krageroe is de Nederlandse kof TWEE GEBROEDERS, kapt. Geltes, op de reis van Engeland naar Laurvig, in de Noordzee gezonken. De bemanning is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 juni. Het reeds vermelde schip ANNA MARIA WILHELMINA, kapt. Mosterman, bij Farö gestrand, is totaal wrak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het gisteren in het eerste blad door ons vermelde verslag van de Stoomvaart Maatschappij Zeeland ontlenen wij nog de volgende bijzonderheden:
Op 19 mei 1882 werd de pier te Queenborough met gebouwen en inrichtingen door brand totaal vernield. Het stoomschip PRINS HENDRIK, hetwelk bij het uitbreken van de brand aan de pier lag gemeerd, liep het grootste gevaar mede vernietigd te worden. Echter gelukte het, door nog tijdig opdagende hulp van een sleepboot en gepaste maatregelen van de opvarenden, het schip te behouden en bleek het zelfs betrekkelijk weinig geleden te hebben.
Zodra het onheil bekend was, werd door de Maatschappij in overleg met de London, Chatham & Dover Railway Cy. besloten, de schepen naar Dover te dirigeren, opdat niet op eenmaal de dienst zou behoeven gestaakt te worden en daarmede de vruchten van jaren inspanning zouden teloor gaan.
Van 19 mei tot 18 juni werd, hoewel gebrekkig, de dienst op Dover volgehouden. Gebrekkig, omdat de vaart op Dover met de ontzaglijke deining daar onder de kust, vooral bij oostenwind, de reizigers, gewoon aan een aangename, gemakkelijke zeereis op Queenborough, tot veel klachten aanleiding gaf en zeker velen moet afgeschrikt hebben van die route gebruik te maken. Doch ook vooral moet de vaart op Dover gebrekkig genoemd worden, aangezien daar iedere inrichting of gelegenheid ontbreekt om goederen van enige omvang te landen. Slechts een zeer gering aantal colli kon gelost worden, terwijl honderden tonnen goederen te Vlissingen voor verscheping gereed stonden.
Ten einde ook in dat vervoer te voorzien, werden door de Maatschappij, in overleg en voor gemeenschappelijke rekening met de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, twee vrachtgoederenboten gecharterd en een geregelde dienst, direct op Londen geopend.
Ook na de 18e juni, datum waarop de dienst weer op Queenborough plaats vond, was de Maatschappij verplicht met de gezegde vrachtgoederendienst op Londen voort te gaan, omdat de voorlopige landingsplaats te Queenborough, ontoereikende als zij was voor het personenvervoer, in geen deel in de goederendienst kon voorzien.
Eerst op ultimo november waren de inrichtingen op de pier weer enigszins verbeterd, waardoor een lading van ongeveer 80 ton kon gelost worden. De extra dienst op Londen, in aanmerking genomen en de grote kosten, daaraan verbonden, werd daarop onmiddellijk opgeheven en met beperking van het gewoon goederenvervoer, die dienst ook geheel met de mailboten op Queenborough verricht.
Aan de firma John Elder & Co. te Glasgow is de bouw van een nieuw stoomschip opgedragen. Dit schip zal, naar verwacht wordt, in de loop van de aanstaande zomer in de vaart kunnen worden gebracht, zodat de thans dienstdoende schepen, die ook in het afgelopen jaar uitstekend bleven voldoen, alsdan successievelijk kunnen opleggen, ten einde, zowel wat schip als machines en ketels aangaat, degelijk te kunnen worden nagezien.
In het afgelopen jaar, in de maanden, het ongeval te Queenborough voorafgaande, was het vervoer van reizigers nog steeds klimmende; in de maanden juni tot december was echter enige vermindering op te merken.
Het maatschappelijk kapitaal, op 31 december 1881 groot NLG 4.082.000, is thans gebracht op NLG 2.041.000, verdeeld in aandelen serie A NLG 584.500, serie B NLG 1.456.500, die allen geplaatst zijn.
Het aflossingfonds van het stoomschip PRINS HENDRIK, onder beheer van de Mij. tot Expl. van Staatsspoor, op 1 januari 1882 een waarde vertegenwoordigde van NLG 428.299,24½, werd door bijstorting en bijschrijving van gekweekte rente vermeerderd met NLG 176.975,94½, zodat daarin op 31 december 1882 aanwezig was NLG 605.275,19, terwijl het ketelfonds onder beheer van de Expl. Mij., met de gewone maandelijkse bijdragen en de bijgeschreven renten, op 31 december 1882 is geklommen tot een bedrag van NLG 79.109,15½.
Van de 5% obligatielening 1875 werden in december 1882 uitgeloot 27 obligaties à NLG 1.000, waarvan 8 stuks in portefeuille zodat in omloop bleef voor een bedrag van NLG 595.200.
In de werkplaats, die in het afgelopen jaar enige uitbreiding onderging, aangezien voor dagelijks onderhoud groter reparaties nodig waren, is thans een kleine stoommachine geplaatst.
De resultaten van de exploitatie over het afgelopen jaar zijn de volgende:
In 1882 werden afgelegd door het stoomschip PRINSES ELISABETH 113, PRINSES MARIE 110, PRINS HENDRIK 120, AURORA 22, te samen 365 reizen, tegen 367 in 1881 en 367 in 1880.
Er werd ontvangen wegens het vervoer van reizigers en bagage NLG 614.293; koopmansgoederen en parcels NLG 279.192; brievenmalen NLG 151.000; pacht van de buffetten op de stoomschepen NLG 12.756; buitengewone ontvangsten NLG 14.102; dus per reis NLG 2.935,19 of 109 % tegen in 1881 NLG 2.928,64 of 109 %.
De kosten van overlading te Vlissingen en te Queenborough zijn, tengevolge van het verminderd vervoer, natuurlijk beneden het bedrag, daarvoor in voorgaande jaren besteed, gebleven. Daartegenover staan echter de extra uitgaven, voortspruitende uit de buitengewone toestand te Queenborough, zodat het bedrag exploitatiekosten weinig verschilt met dat over het voorgaande jaar.
De vrachtgoederendienst op Londen (Butlers Wharf) werd gevoerd met de stoomschepen:
BLOND, SHUAY DAGONE, SIGNAL en BLENCOWE, waarmede te samen 74 reizen werden afgelegd.
Aan koopmansgoederen werden vervoerd: Van Vlissingen naar Londen 8.653 ton, van Londen naar Vlissingen 1.770 ton, te samen 10.423 ton.
Van de geheven vracht Venlo – Londen, verdeeld over het doorlopen aantal kilometers, verbleef aan de Maatschappij een aandeel van NLG 89.265,60, terwijl van de onkosten ten hare laste kwam een bedrag van NLG 96.844,08½, zodat hierop een verlies is te boeken van NLG 7.578,48½.
De ontvangsten uit de gewone dienst beliepen NLG 1.071.345,30, terwijl de uitgaven daarvoor bedroegen NLG 727.594,71, gevende een voordelig saldo van NLG 340.750,59.
Daarvan blijft, na aftrek van het nadelig saldo van de intrestrekeningen NLG 25.218,07½, bijdrage ten behoeve van het ketelfonds NLG 36.000, vaart Vlissingen – Londen (Butlers Wharf) NLG 7.578,48½, verlies op uitgelote obligaties van de lening 1875 NLG 950, afschrijving ten behoeve van de kosten van eerste aanleg van stoomschepen, enz. NLG 48.722,55, buitengewone reserve voor aankoopbewijzen van deelgerechtigheid NLG 100.000 of samen NLG 218.469,11, een zuivere winst over van NLG 125.281,48.
In het afgelopen jaar is van de kosten van eerste aanleg van stoomschepen enz. afgeschreven te samen NLG 286.332,14½ of plm. 13½% van het daarvoor op de balans over 1881 aangegeven bedrag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 mei. Vrachten. Er is zeer weinig omgegaan, zoals uit de volgende enkele afdoeningen van Nederlandse schepen blijkt: stoomschepen PRINSES AMALIA en SOENDA, beiden koffie tot NLG 90, huiden NLG 100, thee NLG 80, indigo NLG 120, specerijen NLG 110, en tabak NLG 67,50 per last naar Amsterdam, en suiker tot geheime vracht naar Marseille. Daarenboven nog tin NLG 40 voor de PRINSES AMALIA, eveneens per last naar Amsterdam.
Het enige onbevrachte Nederlandse schip is de INSULINDE.


21 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 juni. Met de nieuwe mailboot WILLEM PRINS VAN ORANJE, die bij de firma John Elder & Co. te Glasgow in aanbouw is voor de lijn Vlissingen – Queenboro, zal voor het einde dezer maand, waarschijnlijk de 28e dezer, een proeftocht worden gedaan op de Clyde. Indien die proef aan de eisen voldoet, zal de boot ten spoedigste naar Vlissingen vertrekken om zodra mogelijk te worden in dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent de brand op de Landswerf te Amsterdam meldt men ons nog het volgende:
Het schroefstoomschip 1e klasse DOGGERSBANK, tot aflopen nagenoeg gereed staande op de helling onder de kap op 's Rijks Werf alhier, is hedenochtend een prooi van de vlammen geworden. Het vuur heeft zich tevens medegedeeld aan de nevenliggende kap, waar de pas gelegde kiel en enkele spanten van het stoomschip KORTENAER vernield zijn en aan de achter de kappen gelegen, tot aan de marinierskazerne reikende magazijnen, inhoudende ijzer, staal, afgekeurde rolpaarden en andere scheepsbenodigdheden. Deze magazijnen zijn geheel uitgebrand en de daken ingestort. Dewijl de achterkant van die gebouwen in de smalle Kattenburgerstraat uitkomt, hebben de bewoners van die dicht bevolkte buurt een geweldige gloed gevoeld, doch overigens geen schade bekomen. Geen ruit is aldaar gesprongen, terwijl het instorten van de geblakerde achtermuren van de magazijnen door tijdig schoren is voorkomen. Wat neergevallen puin was alles wat in de straat van het onheil te zien was.
Op de werf vertoonde omstreeks 11 uur, toen wij het terrein verlieten, de ene kap, waar de DOGGERSBANK gestaan had, een vormeloze ruïne. Het vuur had de platen van het ijzeren schip verwrongen en gebogen alsof het vellen papier waren; het had de teakhouten buitenhuid, waarmede het vaartuig tot op de waterlijn omgeven is, ten einde daarop de koperen dubbeling aan te brengen, verkoold, evenals de in brandstapels verkeerde houten stapelblokken. Als ineengefrommeld lagen de neergestorte gegolfde ijzeren dakbedekkingen en de gegoten kolommen van de kap op de romp van het schip. Een grote tussen de beide kappen staande kraan was tot een deels verkoolde, deels geblakerde massa geworden. De kap van de KORTENAER stond nog, maar de gebogen, op verschillende plaatsen gescheurde kolommen van het gevaarte was het aan te zien, dat ze misschien ook niet lang meer overeind zouden blijven. In de verkoolde houtstapels wierpen de stoom- en andere spuiten haar dikke waterstralen, doch zo hardnekkig woekerde het vuur, ondanks de flauwe wind voort, dat de dikke, lichtrood gekleurde wolken rook zich aanhoudend nog bleven verheffen.
De brandweer is te 5 uur 27 min. gewaarschuwd. Men zegt dat dadelijk na het aanluiden van de werf, dat te 5 uur geschiedt, zodra het werkvolk onder de kap kwam, de brand bespeurd werd. Spoedig daarna sloegen de vlammen de hoge kap uit en toen de stutten verteerd waren, stortte het schip met donderend geraas omver, - gelukkig misschien, naar de rechterkant. Ware de val links geweest, de zagerij ware aan het branden geraakt en de verwoesting wellicht nog groter geworden.
Zoals zij is, moest de schade echter op miljoenen begroot worden.
Omtrent de oorzaak verkeert men in het onzekere. Een vergissing, welke enigszins voor de hand ligt, doch waarvan de waarschijnlijkheid geenszins op de voorgrond kunnen stellen, is dat bij het inbrengen van de gloeiende klinknagels in het ijzeren schip, door neervallende vonken brand ontstaan kan zijn in de nabij liggende spaanders en stukken hout. In dat geval zou het vuur de gehele nacht gesmeuld moeten hebben en eerst in de ochtend, bij de komst van de werklieden, ontdekt zijn geworden.
Alle marineautoriteiten, de burgemeester, de politie, de brandweer, enz., waren natuurlijk spoedig op de plaats des onheil. De mariniers bezetten de wachtposten. De blussing geschiedde onder de grootst mogelijke orde en met de betrekkelijke kalmte, welke de zekerheid dat er geen mensenlevens nog persoonlijke eigendommen in gevaar verkeren, in dergelijke gevallen geeft.
In het Handelsblad leest men het volgende:
De brik TERNATE, die buitendienst is en enige honderden meter van de plaats des onheil in het dok ligt, liep zelfs gevaar. De jongens van de WASSENAER, aangevoerd door onderofficieren, vlogen er heen en het tuig in en haalden het tuig, dat reeds smeulde, van de ra af en wierpen het in het water.
Langzamerhand werd men de brand meester, hoewel het nog lang zal duren aleer het vuur is uitgedoofd, daar het zich genesteld heeft tussen de bergen van hout onder het schip en daar de strijd tegen het water nog lang zal kunnen volhouden. Het op stapel staande schip de KORTENAER is ook aangetast, doch daarvan waren slechts de kiel en drie ijzeren spanten gelegd. Toch liep de kap, die daarboven staat, hedenmiddag groot gevaar en is het niet onwaarschijnlijk dat ook zij weldra zal ineenstorten.
De aanblik van het terrein is treurig en indrukwekkend tevens. Men begrijpt niet hoe het vuur in zulk een korte tijd zulk een vreselijke verwoesting heeft kunnen maken. Het ijzermagazijn en de aanliggende gebouwen zijn een ruïne. IJzer, stenen, gruis, hout, verkoolde balken liggen er over en op elkaar en uit elk gaatje stijgen rookkolommen naar boven of lekt een fijn vlammetje, ten teken dat daaronder de gevreesde vijand nog voortwoedt. En hier en daar ziet men tussen de rookwolken door, de glinsterende helm van een brandweerman, die van heuvels van gruis bespiedend rondkijkt om elk opstekend vlammetje een straal water over de "rode kop" heen te werpen.
Doch treuriger ziet het gevallen schip eruit. Krachtig toegerust, om stortzeeën en windrukken te weerstaan, werd het in enkele uren neergeworpen door het vuur. Met augustus, heette het, zou de boot aflopen en in plaats daarvan zal men het schip kunnen afbreken en de gehele arbeid opnieuw kunnen beginnen.
Bij het ter perse gaan van ons blad was men de brand zo goed als meester.
Het toneel van de verwoesting is verschrikkelijk om aan te zien en men kan zich een voorstelling maken van de gloed van de vlammen, als men bedenkt dat zware ijzeren bouten door midden zijn gesprongen, op plaatsen die door de vlammen niet bereikt konden worden. Het schone schip de DOGGERSBANK, dat een eerste klasse kruiser was en een lengte had van ongeveer 800 voet, is totaal vernield en moet evenals de KORTENAER geheel worden gesloopt.
Op het ogenblik zijn er nog 7 stoom- en 10 handspuiten aanwezig, die tezamen ongeveer 20 stralen water geven.
Men vertelde ons, dat het ijzer tegen roesten was ingesmeerd met een stof die uit verschillende teren, in alcohol opgelost, bestond. Daaraan was het dan ook toe te schrijven, dat de vlammen met zulk een verbazende snelheid over het schip heen gleden en het bijna gelijktijdig aan alle kanten in brand zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 18 juni. Het Amerikaanse schip MATCHLESS, van Ilo-Ilo (Philippijnen) naar Boston, is lek gesprongen en bij Krakatau gezonken. De equipage is gered.
(opm: zie ook JB 180683)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hedenochtend te half 6 uur is op de Marinewerf te Amsterdam in het in aanbouw zijnde stoomschip 1e klasse DOGGERSBANK een hevige brand uitgebroken, die naar een van de andere schepen in aanbouw en naar de gebouwen is overgeslagen.
De brand bepaalt zich tot het totaal verlies van de DOGGERSBANK, die tot op ruim de helft van aanbouw gereed was; voorts de kiel en enige spanten van de KORTENAER, verder Siemens gasoven, de kappen No. 5 en 6, een gedeelte van het ijzermagazijn en een belangrijke hoeveelheid teakhout.
De brand is vermoedelijk ontstaan door smeuling van vuur, dat bij het heet maken van klinknagels de vorige dag tussen de stapeling is gevallen.
De minister van Marine is hedenmiddag met zijn adjudant alhier aangekomen en heeft zich dadelijk met de directeur en commandant en de hoofdingenieur van scheepsbouw naar de plaats van de brand begeven.
Omstreeks half drie was men nog bezig de inwendig brandende stapels teakhout te bespuiten. Aangezien het echter niet gelukte aldus het vuur uit te doven, is men begonnen de half verkoolde balken een voor een weg te slepen en in het water te werpen. Enkele muren van de verbrande magazijnen zijn omvergehaald, om het inwendige te kunnen bespuiten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen. Het Nederlandse fregatschip GEBROEDERS VAN DER BEEK, groot 1.240 ton, gebouwd in 1862, is uit de hand aan een Noors huis verkocht.


22 juni 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Uit Anjer schrijft men ons omtrent de gezonken MATCHLESS:
Het Amerikaanse driemastschip MATCHLESS, kapt. Dawis, van de Filipijnen naar Boston en geladen met suiker is hier bij Tamarine Eiland gezonken. Gisteren avond kwam een boot met de eerste stuurman en zeven man hier aan, vanmorgen om zes uur een boot met de tweede stuurman en drie man en nu is de boot van de kapitein met zes overige van de bemanning in het zicht zodat deze geheel gered is. Naar ik reeds terloops heb gehoord moet het schip veertig dagen geleden op een klip, de Wrights klip, hebben gezeten (twaalf uur lang); en mogelijk daardoor lek zijn geworden. Het plan van de kapitein was om Anjer aan te doen, doch door stilte en zware storm om de zuid gelukte hem dit niet. Gisteren verlieten juist de laatste militairen het fort alhier, zodat van de daar bestaande ruimte gisteren avond dadelijk voor het volk uit de eerste sloep gebruik kon worden gemaakt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens een heden hier ontvangen telegram is het schoenerschip COLUMBUS, kapt. W.H. Scholtens, te Liverpool gearriveerd, komende van Mexico. Aan boord was alles wel.


  JB - Javabode

Advertentie. Publieke verkoping op woensdag de 27e juni 1883 door John Pryce & Co. in het lokaal der Handels-Vereeniging alhier, van het wrak van het Amerikaanse schip MATCHLESS, groot 1.198 ton, gebouwd te Boston in 1870 van eiken- en hardpine hout, koper- en ijzervast, liggende of niet liggende bij Tamarine-eiland, Straat Sunda, met inventaris, tuigage, rondhouten, koper en lading, geschiedende deze verkoop voor rekening van wie zulks zal blijken aan te gaan. Voor verdere bijzonderheden vervoege men zich aan het Amerikaanse consulaat of bij John Pryce & Co.
Batavia, 20 juni 1883, O. Hatfield, consul der Verenigde Staten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 juni. Het Nederlandse fregatschip GEBROEDERS VAN DER BEEK, groot 1.240 ton, gebouwd in 1862, is uit de hand aan een Noors huis verkocht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Na de brand. De brand op Marinewerf kan nu als geblust beschouwd worden. De meeste spuiten van de brandweer, waaronder de Jan van der Heyde, zijn vertrokken en slechts enige spuiten der werf geven nog water, om het smeulende hout onder het schip in bedwang te houden. De brandweer en de arbeiders der werf zijn de gehele nacht bezig geweest met het opruimen van het hout en de omgevallen muren en zijn zover gevorderd, dat men reeds tussen het schip en het ijzermagazijn kan passeren. De kap boven de KORTENAER staat nog, maar is toch zodanig beschadigd, dat men met het slopen een aanvang heeft moeten maken, De verwoesting van het schip de DOGGERSBANK is verschrikkelijk. De zware spanten van de achtersteven zijn gebogen en omgekruld als reepjes bordpapier. Het ganse schip ligt opgevuld met de ijzeren palen en de dakbedekking van de kap, die er overheen is gevallen. Men vermoedt, dat de brand in het binnenste van het schip nog voortwoedt, en de hitte van ijzeren huid op sommige plaatsen wettigt dit vermoeden. De zinken platen, die hier en daar reeds over de houten bekleding waren neergelegd, zijn door de hitte gesmolten als was, en overal op het zwarte verkoolde hout liggen druppels gestold zink, glinsterend als zilveren kogeltjes. De stapel balken van de KORTENAER is evenals die der DOGGERSBANK volkomen verkoold, en de drie spanten en de kiel van het eerste schip zijn in de grilligste vormen krom getrokken. Als een bewijs met hoeveel hevigheid de brand plotseling uitbrak, moge dienen, dat toen de eerste werklieden gisterenmorgen op de Landswerf kwamen, alles door hen in orde werd gevonden en zij zelfs geen brandlucht roken, waardoor zij anders het naderend gevaar hadden kunnen bemerken. Ook kon de brand niet aan onvoorzichtigheid hunnerzijds geweten worden, daar zij ’s morgens niet met vuur werken, en in alle gevallen dit in ’t geheel niet deden op de plaats waar de eerste vlammen opstegen.
Eerst om half zes sloegen plotseling de vlammen uit de reten der lagen stapelbalken en in minder dan geen tijd hadden zij zich over het gehele schip verspreid. De oorzaak, die wij gisteren van de brand opgaven, schijnt de juiste te zijn, want de nadere onderzoekingen hebben niets anders aan de dag gebracht.
De muur in de Kattenburgerstraat, waarvoor men gisteren ’t ergste vreesde, is blijven staan. Men heeft hem nu goed gestut, en vermoedelijk zal hij niet gesloopt worden.
Het ijzermagazijn is tot op de grond vernield en vertoont een chaos van ijzeren voorwerpen, verkoolde balken, stenen en gruis; doch ook daar is men ijverig met opruimen bezig.
Daar men de kap, waardoor men alle delen van het schip gemakkelijk kan bereiken, mist, zal de sloping van de DOGGERSBANK zeker niet snel in haar werk gaan en heel wat tijd en moeite vereisen. Ook is een schip van deze constructie, die nog zeer nieuw is, nog nooit gesloopt en zullen er zich dus vermoedelijk nog vele eigenaardige technische bezwaren voordoen. Men vertelde ons, dat de platen van het schip geen dienst meer kunnen doen bij het bouwen van een nieuw, daar de aard van het metaal veranderd is door de koude waterstralen, die er zijn tegengeworpen, toen de huid sterk verhit was.
Al de arbeid en al het materieel van de DOGGERSBANK zijn dus totaal verloren. Inderdaad een groot en betreurenswaardig verlies!
Wij vestigen nog de aandacht onzer lezers op hetgeen heden door de Minister van Marine in de Tweede Kamer omtrent de brand is medegedeeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rapport ADDER.
Aan het verslag van de Commissie, bestaande uit de Blussé, Mees, Kool, Reekers en Van der Hoop, wordt het volgende ontleend:
Uwe commissie heeft de pijnlijke taak vervuld, haar opgedragen, om nogmaals te doorlopen alles wat aan de Kamer van regeringswege is medegedeeld omtrent de ramp aan de rammonitor ADDER en zijn bemanning overkomen. Dit onderzoek heeft ook bij deze commissie de overtuiging gevestigd, dat veel heeft moeten samenlopen om tot een dergelijk treurig einde te leiden. Al moest noodwendig veel verborgen blijven, daar geen enkel leven van de bemanning gespaard werd, hetgeen aan het licht gekomen is bewijst voldoende, dat in deze ene aaneenschakeling van tegenspoeden heeft plaats gehad, zonder welke een zo treurige afloop niet mogelijk ware geweest.
In de verschillende aan de Kamer overgelegde bescheiden is alles, wat enig licht omtrent de ramp kan ontsteken, bijeen verzameld, voor zoverre het verkrijgen van gegevens dienaangaande mogelijk was. Uwe commissie meent, dat het buiten haar roeping ligt om al die gegevens tot een geheel te ordenen, maar wenst er zich toe te bepalen, om de aandacht te vestigen op enige vraagpunten, welke zich in deze zaak voordoen en welke zij nu achtereenvolgens wil behandelen.
1e. Was het verantwoord met de rammonitor ADDER een zeereis buitenom van IJmuiden naar Hellevoetsluis te doen ondernemen?
De commissie heeft alleen dit bepaalde geval te behandelen.
Uit het gezamenlijk verband van de aan de Kamer overlegde bescheiden, blijkt naar het oordeel van de commissie, dat het antwoord op de aan het hoofd van deze gestelde vraag bevestigend moet luiden. Evenwel verdient het, naar haar mening, aanbeveling om een rammonitor geen reis door de Noordzee te doen ondernemen, dan onder bevel van een commandant, die met zijn onderhebbende bodem vertrouwd is geraakt.
2e. Bestaan er bepalingen om de veiligheid van rammonitors bij tochten van de ene haven naar de andere te verzekeren?
Uit dit gedeelte van het rapport, dat een overzicht geeft van de bestaande verordeningen en instructies, wordt het volgende hier aangetekend:
Behalve dat het uwer commissie voorkomt, dat omtrent een zo belangrijke zaak, waarbij de veiligheid van de vaart van rammonitors nauw betrokken is, verschil van opvatting niet mag kunnen bestaan en duidelijke voorschriften dienaangaande dus nodig zijn, heeft het haar aandacht ook getroffen dat generlei bepaling aan de directeur en commandant in een directie van de Marine de verplichting oplegt, om na aankomst in de haven van bestemming van een uit een andere directie vertrokken oorlogsbodem, aan de directeur en commandant in de laatstbedoelde directie daarvan kennis te geven. Laatstgenoemde geen telegrafische kennisgeving krijgende van de aankomst van een uit zijn directie vertrokken oorlogsbodem, kan dus in vele gevallen bezwaarlijk het ogenblik bepalen, waarop ter verzekering van de veiligheid van het vaartuig het treffen van maatregelen zijnerzijds vereist wordt.
Evenmin bestaat een voorschrift aan de commandant van een oorlogsbodem, die op order van de directeur en commandant in een directie uit een andere haven dan de standplaats van de directeur naar zee vertrekt (zoals het geval is met de haven van IJmuiden ten opzichte van Amsterdam) per telegraaf kennis van zijn vertrek te geven aan die chef of aan hem, die voor zijn veiligheid verantwoordelijk is, mededeling te doen wanneer hij gedwongen is geworden in een andere haven binnen te lopen dan die, waarheen zijn reisorder hem verwees.
Uwe commissie is derhalve van gevoelen, dat de voorschriften op verplichte kennisgevingen betreffende de vaart van de oorlogsbodems van de ene Nederlandse haven naar de andere dringend aanvulling behoeven.
Het komt uwer commissie wijders ten aanzien van het seinen noodzakelijk voor, dat overgegaan worde tot vaststelling van een algemeen sein, waardoor een schip, op zodanige wijze, dat elk twijfel worde vermeden, te kennen kan geven, dat het een sleepboot verlangt.
3e. Zijn de bepalingen nageleefd?
Op deze vraag moet het antwoord, voor zoveel de nodige kennisgevingen betreft, ontkennend luiden. De minister van Marine en – dit zij tevens opgemerkt – evenmin de directeur en commandant te Hellevoetsluis, heeft stellig bericht van het vertrek van de ADDER naar zee ontvangen. Met juistheid betogen evenwel de regeringscommissie als de minister van Marine, hoe een noodlottige samenloop van omstandigheden oorzaak was van het verzuim (ADDER-rapport) blz. 11 en 12 en Memorie No. 7, pag. 7, blz. 14 en 15).
Het is uwer commissie voorgekomen, dat de opvatting, volgens welke een rammonitor, die uit de ene directie van de Marine naar de andere vertrekt, niet meer blijft varen onder de vlag van de directie, waaruit het vertrek plaats heeft, maar als zelfstandig schip met de Minister van Marine rechtstreeks in verbinding treedt, bezwaarlijk steun kan vinden in de geest van de op dit punt bestaande bepalingen voor de Koninklijke Nederlandsche Zeemacht. Naar haar mening had de directeur en commandant te Amsterdam, ten einde te kunnen voldoen aan het voorschrift van art. 8 van de instructie voor de directeuren en commandanten, aan de bevelhebber van de ADDER moeten opdragen te zorgen, dat het vertrek naar zee van zijn bodem aan hem directeur en commandant geseind werd.
Nu het echter gebleken is, dat zowel de directeur en commandant te Amsterdam, als de onderdirecteur aldaar een andere mening gekoesterd hebben (zie stukken 139, bijlage II, No. 17, afschrift No. 2393 blz. 5 en 6 en bijlage E, No. 12 blz. 2) en de Minister van Marine erkent dat die mening bij de bestaande onduidelijkheid van de voorschriften recht van bestaan had (Memorie No. 7, paragr. 7, blz. 15), kan uwe commissie de opvatting van de directeur en commandant te Amsterdam slechts betreuren, maar daarin, evenmin als in de uit die opvatting voortvloeiende gedragslijn plichtverzuim zien.
Wat de bemanning betreft. Geen van de leden van het état-major had ooit op een monitor gediend. Is het in sommige gevallen onvermijdelijk een ongeoefend commandant te benoemen, dan moet op de overige leden van het état-major dubbel de aandacht gevestigd zijn. De minister van Marine deelt mede (Memorie No. 7, paragraaf 2, blz. 4), dat het niet mogelijk is geweest een andere commandant en andere officieren voor de état-major van de ADDER aan te wijzen, dan die nog niet op monitors hadden gevaren. De vraag is evenwel bij uwe commissie gerezen of het niet mogelijk geweest ware om voor de eerste tocht buitengaats van de rammonitor, zo kort na zijn indienststelling, tijdelijk op die bodem een officier te plaatsen, die met de eigenaardigheden van het type in zee door ervaring bekend was geworden.
Het stokerspersoneel was zwak. Het is ongeraden te vertrouwen op de mogelijke geschiktheid van zeemiliciens die pas in dienst zijn getreden en die men dus niet voldoende kent. De door het Departement van Marine gegeven voorschriften verlangen dan ook, dat de milicien-vuurstokers boven het getal van de vastgestelde bemanning aanboord moeten worden geplaatst. Dit is door de directeur en commandant te Amsterdam niet alzo begrepen.
Uit het vorenstaande meent de commissie het besluit te mogen trekken dat ten aanzien van de samenstelling van de bemanning van de ADDER door de directeur en commandant te Amsterdam de bestaande voorschriften niet zodanig opgevat en uitgevoerd zijn, als men hun geest strookt en dat scherpere controle op de uitvoering van die voorschriften vanwege het Departement van Marine het plaats gehad hebbend verzuim ten dele had kunnen voorkomen.
4e. Was de commandant van de ADDER verantwoord 5 juli 1882 zee te kiezen?
Hier volgt een omschrijving van de weersgesteldheid in de morgen van 5 juli en van het verder beloop van de reis, naar aanleiding van de deswege bekende rapporten en inlichtingen.
Ofschoon de weerkundige aanduidingen, zoals deze uit de overgelegde bescheiden bekend zijn geworden, de commandant van de ADDER tot nadenken en voorzichtigheid moesten stemmen, meent uwe commissie dat het bij de zich in de morgen van 5 juli 1882 voordoende omstandigheden verklaarbaar is, dat hij zee heeft gekozen.
5e. Ware het mogelijk geweest het schip in nood of althans de manschappen te redden?
Daartoe zou het in de eerste plaats nodig geweest zijn dat de autoriteiten bekend waren geweest met de mogelijkheid dat het schip in nood kon verkeren.
Noch de minister, noch de directeur te Hellevoetsluis was bekend met het vertrek naar zee uit IJmuiden.
Er bestaat een telegram van de directeur en commandant van de Marine te Amsterdam aan de directeur en commandant te Hellevoetsluis, de 5e juli te 10 uur 6 min. des voormiddags te Amsterdam aangeboden, inhoudende: monitor ADDER hedenochtend naar Hellevoetsluis vertrokken. Meer niet. Vanwaar wordt niet gemeld.
Het blijkt zelfs niet dat het vertrek uit IJmuiden aan de directeur van de Marine te Hellevoetsluis heeft gemeend uit het hem toegezonden telegram te moeten opmaken, dat de ADDER de 5e juli uit Amsterdam was vertrokken om via IJmuiden naar Hellevoetsluis te gaan en dewijl die dag het weer gaandeweg ongunstiger werd, bleef hij in de waan dat het schip te IJmuiden was blijven wachten op een meer gunstige gelegenheid om in zee te steken.
Ware de vorige dag de directeur te Hellevoetsluis het vertrek uit Amsterdam gemeld, dan zou het telegram van de 5e hem wellicht tot nadenken hebben gestemd en doen vermoeden, dat het tweede telegram werkelijk betekende het vertrek uit IJmuiden. Nu in billijkheid van de directeur te Hellevoetsluis niet anders verwacht worden, dan dat hij stil bleef afwachten wat komen zou.
Het rapport wijst op een hoogst gebrekkige dienstregeling ten deze. Op deze wijze is het vertrek van het schip niet aan de Marineautoriteiten gerapporteerd, hetgeen aan een particulier schip niet zou zijn overkomen. Er behoort in de Buitenhaven een aangewezen persoon te zijn, die het vertrek van het schip seint aan de Minister van Marine en aan de directeurs van de plaatsen van vertrek en van bestemming. Alleen in de Buitenhaven kan men weten wat geschiedt. En wanneer van daar uit het vertrek aan de autoriteiten van de Marine gemeld is, dan kunnen deze het nodige doen verrichten indien het schip te lang uitblijft. De enige autoriteiten die – hoewel niet op grond van een officieel bericht- wist dat de ADDER naar zee was vertrokken, was de directeur en commandant te Amsterdam, maar deze rekende niet vast op een bericht van aankomst van de ADDER in de haven van bestemming, hoedanig bericht hem ook niet behoefde te worden geseind.
De vraag verdient verder enige overweging in hoeverre van de bemanning van de verschillende vaartuigen, welke de ADDER op de 5e juli waarnamen, enige tekortkoming kan ten laste gelegd worden, wegens het niet verlenen van hulp aan schip of bemanning. De sleepboot KINDERDIJK (zie proces-verbaal No. 27) was diezelfde namiddag buiten en ontwaarde reeds te 4 uur rook, die men daar aanboord meende afkomstig te zijn van de stoomboot WILLEM I. De gezaghebber heeft die rook blijven waarnemen totdat hij te half zeven naar binnen is gegaan en de boot te Maassluis heeft vastgemaakt. Hij had geen sein gezien (twee vlaggen onder elkander), want dan zou hij gemeend hebben dat het schip in nood verkeerde of zijn hulp behoefde.
Ook de loods van kotter No. 1 (proces-verbaal No. 29), heeft die rook te 6½ uur waargenomen en is de ganse nacht buiten gebleven. Omdat die rook niet nader kwam, meende hij dat het een stoomboot moest zijn, bestemd naar IJmuiden.
Te 4 uur is aan de commissaris van de loodsen te IJmuiden gerapporteerd dat de ADDER te 1 uur 30 min. is gepasseerd door de zeeloods L.P. van Beek op de hoogte tussen Noordwijk en Katwijk, terwijl het schip nog tamelijk voortgang maakte (ADDER rapport f˚. 170).
Maar (vervolgt het verslag) wat te zeggen van de vissers van de bomschuit TWEE GEZUSTERS van Scheveningen, die des avonds van 7 uur tot 9½ uur een monitor hebben waargenomen en op geringe afstand passeerden, overtuigd dat het schip in nood verkeerde, daar zij 2 vlaggen onder elkander zagen waaien en vervolgens vuurpijlen van genoemd vaartuig waarnamen, wel een half uur, waarop ineens een vlamvuur werd waargenomen dat zich in damp oploste, toen zij tegen elkander met ijskoud flegma de opmerking maakten: "Nu zou het wel kunnen gebeuren dat zij aan hun eind zijn"? Na die opmerking gemaakt te hebben, verklaren zij in de mogelijkheid geweest te zijn hulp te verlenen en het ook niet nodig geacht te hebben daarvan rapport te doen. Zij zijn blijven vissen. Eerst de daarop volgende zaterdag is te Scheveningen van dit alles mededeling gedaan, toen het ongeluk van de ADDER daar reeds bekend was.
Niets is door die bemanning beproefd om de schepelingen te hulp te komen. Zij heeft hen met de golven laten worstelen en hun doodstrijd is des te afgrijselijker geweest, daar zij van middelen voorzien waren om die des te langer te rekken. En dat met de wal in het gezicht, terwijl de reddingsboot in de nabijheid, namelijk te Loosduinen, was gestationeerd !
Uwe commissie is van oordeel, dat niet is gebleken, dat met betrekking tot het uitblijven van pogingen om het schip in nood of de manschap te redden aan een van de personen, welke de monitor gedurende zijn reis hebben ontwaard, verzuim is ten laste te leggen, behalve dat men van de bemanning van de bomschuit TWEE GEZUSTERS een poging daartoe had mogen verwachten.
De regeringscommissie heeft aan het slot van haar rapport de aandacht gevestigd op enige verbeteringen, welke er toe kunnen leiden om de herhaling van een ramp als die welke de rammonitor ADDER getroffen heeft in het vervolg zoveel mogelijk te voorkomen. In de Memorie, door de afgetreden Minister van Marine bij brief van de 5e februari jl. aan de Kamer toegezonden wordt medegedeeld welk gebruik de regering van de in het rapport van de regeringscommissie gegeven wenken meent te moeten maken. Aandachtige kennisneming en overweging van beide genoemde stukken hebben bij uwe commissie het vertrouwen gevestigd, dat van regeringswege gedaan zal worden wat kan, om de veiligheid van de vaart van onze gepantserde oorlogsbodems langs onze kusten zoveel doenlijk te verhogen.
Uit een vergelijking van de genoemde documenten met dit verslag zal evenwel blijken dat uwe commissie meent, dat de afgetreden minister van Marine ten onrechte geen genoegzame waarde hecht aan het denkbeeld van de regeringscommissie, dat de commandant, welke bij een tocht van een monitor over de Noordzee over zodanige bodem het bevel voert, met zijn eigenaardigheden moet zijn vertrouwd geraakt. Zij meent daarom op dit punt nog in het bijzonder de aandacht van de Kamer en de Regering te moeten vestigen.
Uwe commissie heeft tenslotte de eer voor te stellen de heer Minister van Marine, onder toezending van een afschrift van dit verslag, dank te zeggen voor de aan de Kamer verstrekte gegevens en inlichtingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delft, 20 juni. Heden is aan de scheepstimmerwerf van de heren H. Boot & Zoon onder de gemeente Vrijenban te water gelaten het ijzeren paviljoenschip de JACOBA JOHANNA, groot 42 last, gebouwd voor rekening van schipper Johs. Kooren te Rotterdam, en is onmiddellijk daarna de kiel gelegd voor een dergelijk schip voor rekening van schipper C. Rauchbach te Zaandam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 juni. Heden werd te Middlesbro’ bij de firma Raylton, Dixon & Co. te water gelaten het stoomschip PADANG, groot 3.200 ton, met 1.250 paardekracht, voor rekening der Stoomvaart-Maatschappij Insulinde gebouwd. Het zal gevoerd worden door kapt. De Kooger.


23 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gisteren namiddag is op de Landswerf te Amsterdam, onder leiding van de stedelijke brandweer, de grote scheepskap, staande boven de kiel van de KORTENAER naast het wrak van de DOGGERSBANK omvergehaald.
Men stelt zich voor een ijzeren gevaarte, hoog 25 meter, 77 meter lang en 25 meter breed; van boven bedekt met gegolfd ijzeren platen en lichtramen, rustende op 20 ijzeren kolommen uit verschillende gegoten ijzeren stukken bestaande, door stangen onderling verbonden. De zijwanden waren thans gedeeltelijk door de brand open. Het omver halen van deze kap noodzakelijk, daar door de hitte de gegoten ijzeren kolommen gescheurd waren.
Op drie plaatsen waren stalen trossen vastgemaakt door brandweermannen, die met leeuwenmoed naar boven klauterden.
Aan de einden van deze trossen werden zware talies bevestigd, welke door enige honderden werklieden werden ingelopen.
Te ruim drie uur werd met spanning het sein verwacht. Met een vervaarlijke slag viel een derde gedeelte het eerst ineen.
Bij de zware wagen die boven in de kap stond brak de kap af. Opnieuw werden de trossen aangezet, de kap waggelde, een kreet ontsnapt aan de toeschouwers en daar viel het tweede gedeelte onder een geweld als het rommelen van de donder naar beneden.
De grond dreunde, een stuk van de kap en wagen sprong tegen de DOGGERSBANK, als wilde zij zich wreken op het verwoeste gevaarte, dat de oorzaak was van haar val. Te 4 uur werd het grootste gedeelte van de rest van de kap omgehaald en de dalende zon bescheen een ruïne, zelden gezien, ontzettend in haar aanblik.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 20 juni. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester A.J. Otto met het beste gevolg te water gelaten de ijzeren paviljoen-boeierschuit (opm: MARIA CATHARINA), gebouwd voor rekening van J. Heus te Rotterdam, groot pl.m. 40 last.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons van Texel:
Er bestaat alle kans dat de lading spoorrails uit het vorige jaar gestrande barkschip DAYSTAR grotendeels geborgen zal worden. De bergers die gisteren op de strandingplaats van gemeld schip een onderzoek in stelden, en kort na de stranding niets konden bergen, omdat alles onder de grond was gewoeld, ontdekten dat de rails boven op de zeebodem stonden, ongeveer 10 voet onder water. Er is onmiddellijk een boei op de ijzermassa geplaatst. Het voornemen bestaat nu om in de volgende week te beproeven alles met een helmduiktoestel te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoek van Holland, 22 juni. Het stoomschip SAYN, van Croonstad met graan naar Rotterdam, is op het Zuiden vastgevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 juni. Aangaande het Nederlandse schip EENDRACHT, kapt. De Groot, 28 maart laatstleden van Bo’ness naar Gothenburg vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


24 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 19 mei. Vrachten. Het tijdvak, verlopen sedert uitgifte van het bericht van 5 dezer, heeft zich gekenmerkt door stilte. Het aantal bevrachtingen, dat tot stand kwam, is gering en valt daarbij te constateren, dat daarbij, terwijl voor Nederland een verhoging op de laatst betaalde vrachtkoersen verkregen werd, de vrachten naar het Kanaal zijn gedaald. Hoewel de onbevrachte vloot gering is, voorziet zij voor het ogenblik meer dan voldoende in de behoefte. Naar Nederland werd door de factorij een schip opgenomen voor een volle lading koffie van de Noordkust tot NLG 50. Particulier product is niet aan de markt. Naar het Kanaal kwam een bevrachting tot stand voor droge suiker tot GBP 2.5/-, hetgeen een verlaging aantoont van Sh.5/- op de laatstelijk courante noteringen. Ogenblikkelijk heerst geen vraag. Naar Amerika noch naar Australië zijn transacties te melden. Kustvrachten vertoonden na een lang tijdvak van doodse stilte eindelijk weer enig leven. De gouvernements-contractanten zochten ruimte voor zout van Madura naar Sumatra’s Westkust en de Zuidkust van Java, en slaagden in de opname van een schip voor Padang en Priaman tot NLG 20; de Zuidkustvracht is nog in de markt.
De afdoeningen van Nederlandse schepen zijn: MARIE NLG 50 voor koffie van de Noordkust naar Rotterdam; SINDORO NLG 20 per koyang zout van Madura naar Padang en Priaman.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: INSULINDE en de stoomschepen KONINGIN EMMA en ZUID HOLLAND.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 juni. Het Nederlandse schip BAARN, kapt. Reinders, van hier naar Soerabaja, passeerde 21 dezer des morgens te 4 ure Dungeness met flauwe koelte , wind uit het WZW-en.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 juni. Het Nederlandse schip VOORLICHTER, kapt. Sipkes, is volgens een particulier telegram bevracht van Java naar Nederland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het schroefstoomschip MARNIX onder commando van de kapt.luit.t.zee C.E. Uhlenbeck, liggende in de haven van Nieuwediep tot het aanvullen van steenkolen enz., zal in het laatst van de volgende week die haven verlaten tot het doen van een tocht naar Christiania.


25 juni 1883


  JB - Javabode

Anjer, per telegram. Gisteren avond is de Amerikaanse bark WILLIAM H. BESSE gestrand tussen Groot-Tedong en Poeloe Babi.
(opm: schip is vlot geraakt en op 27 juni te Batavia aangekomen)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 juni. Heden werd van de werf van de heren Botje, Ensing & Co. te water gelaten een ijzeren lichterschip van plm. 150 last, genaamd PRINS EN ZWANENBURG No. 3, dat met ongeveer 4 weken in de vaart zal worden gebracht, kapt. W. de Vries, van Groningen naar Amsterdam en Rotterdam vice-versa. Het voornemen bestaat genoemd lichterschip per stoomsleepboten naar de plaatsen van bestemming te brengen, waardoor de reis in ongeveer gelijke tijd kan geschieden als per gewone stoombootdienst. Het is het grootste ijzeren vaartuig, dat in de laatste jaren in de noordelijk provinciën is gebouwd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Door de stoomboot Maatschappij Middelharnis is aangekocht de raderstoomboot QUAKERNAAT II, welke boot reeds maandag in haar lijndienst Middelharnis – Rotterdam wordt in dienst gesteld.


26 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen te Amsterdam op maandag 25 juni. Het barkschip ANNA EN BERTHA, van Amsterdam, groot 404,13 ton, gebouwd in 1862 en gevoerd door kapt. Wijtsma, is verkocht voor NLG. 8.100. Koper C. Ament (opm: een makelaar voor zijn meester).


  AH - Algemeen Handelsblad

Kopenhagen, 23 juni. Het Nederlandse schip JANTINA MARGARETHA, kapt. Pott, van Cadix met wijn naar Reval, is alhier binnengebracht, hebbende gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 24 juni. Volgens een particulier bericht, eergisteren uit Kopenhagen ontvangen, is het Nederlandse NICOLAAS, kapt. Rijf, wegens aanvaring door het stoomschip DAGMAR, aldaar lek en met zware schade binnen gebracht, wegens hoge reparatiekosten afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 24 juni. Schipper Zegel, die met een duikertoestel de lading rails boven water zal pogen te brengen, die uit de DAYSTAR afkomstig is, zal van wat hij boven brengt 50% genieten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 25 juni. Een Engelse smak is op de Bol in de Noordgronden gestrand. Een sleepboot en vletter zijn ter assistentie vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juni. Het Nederlandse schip GERREDINA WILHELMINA, kapt. Hagedoorn, van Sundsvall herwaarts, lag 22 dezer bij Dragør wegens stilte geankerd. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkoping van schepen. Het Nederlandse schip GEBR. VAN DER BEEK, onlangs door de makelaar A. Vinke aan een huis te Tonsberg verkocht, is thans genaamd TELLUS en zal gevoerd worden door kapt. Thorbjornsen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In verband met de voorgenomen bouw bij ’s Rijks werf te Amsterdam van nog een schroefstoomschip type ATJEH zullen alle de bij die inrichting onderhanden zijnde werkzaamheden voor het thans afgebrande schroefstoomschip 1e klasse KORTENAER worden voortgezet.


27 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Volgens een telegram is het Nederlandse barkschip PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, de 23e dezer vertrokken van Lissabon met bestemming naar Cardiff.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 juni. Het Amerikaanse barkschip WM. H. BESSE, van Manilla naar New York, is op Pulo Babi gestrand en heeft schade geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 26 juni. Volgens een heden bij de rederij ontvangen bericht is heden te Skagen gepasseerd de bark HARLINGEN, kapt. Flugmacher, van Sundsvall herwaarts.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 25 juni. Het Nederlandse schip GEBROEDERS VAN DER BEEK, onlangs door de makelaar A. Vinke aan een huis in Tonsberg verkocht, is thans genaamd TELLUS en zal gevoerd worden door kapt. Thorbjörnsen.


  JB - Javabode

Advertentie. Aan belanghebbenden wordt bekend gemaakt, dat het Amerikaanse schip MATCHLESS gezonken is op 3 Engelse mijlen bezuid-oosten het eiland Sebesie in Straat Sunda. Door het tuig, dat gedeeltelijk boven water uitsteekt, stelt het gedurende de nacht enig gevaar daar voor de scheepvaart.
Batavia, de 27e juni 1883, de Schout-bij-Nacht, chef van het departement der Marine in Nederlands-Indië, Van Alphen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 juni. Het Nederlandse schip JANTINA MARGARETHA, kapt. E.U. Pott, van Cadix met wijn naar Reval en St. Petersburg, hier aangekomen na op Dragør aan de grond gezeten te hebben, is nagezien. Het had geen schade en zal de reis voortzetten.


28 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Oude Pekela wordt ons geschreven:
De heer F.L. Drenth, scheepsbouwmeester alhier, is voornemens een stropapierfabriek op te richten. De fabriek zal gebouwd worden aan de Aa, op drie kwart uur gaans van het spoorwegstation Winschoten en in de nabijheid van de papierfabriek De Aastroom, die, schoon nog jong, reeds met uitstekend succes werkt.
Met ingenomenheid wordt dit plan hier vernomen. Nu scheepvaart en scheepsbouw kwijnen, die zulk een rijke bron van welvaart voor Pekela zijn geweest, begroet men in het hier ontluikend fabriekswezen een nieuwe bron van bestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 27 juni. Het stoomschip BATAVIA, voor rekening van de Rotterdamsche Lloyd op de werf van de Maatschappij De Schelde te Vlissingen gebouwd, zal a.s. zaterdag (opm: 30 juni) te 10 uur een proefreis in de Noordzee maken en daarna zodra mogelijk naar Rotterdam vertrekken, ten einde ten spoedigste te worden in dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 27 juni. De proeftocht met de WILLEM, PRINS VAN ORANJE, de nieuwe boot voor de maildienst Vlissingen – Queenborough, eerst bepaald op 28 juni, is uitgesteld tot 30 dezer. De directeur van de Maatschappij Zeeland, benevens de president en enige leden van de raad van commissarissen zullen daarbij tegenwoordig zijn. De boot kan in de volgende week alhier worden verwacht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 27 juni. Heden is alhier met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren sleepschip, gebouwd voor rekening van de heer C.C. Staab te Rotterdam. groot plm. 390 lasten. (opm: de scheepswerf is A.J. Otto & Zoonen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 26 juni. De nieuwe schroefstoomboot TERSCHELLING, die op 1 juli a.s. tussen Harlingen en Terschelling v.v. in de vaart gebracht zou worden om eenmaal per dag tussen genoemde plaatsen te varen, komt op de bepaalde tijd niet gereed. Aanvankelijk zal de dienst daarom met het raderschip ASSISTENT worden vervuld. In verband met de nieuwe lijn zullen de postschuiten tussen Terschelling en Vlieland en Terschelling – Harlingen buiten dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krageroe, 19 juni. De Nederlandse kof TWEE GEBROEDERS, kapt. Geltes, van Burntisland naar Laurvig met steenkolen, is gisteren in Tonoerhaven binnen gelopen. Het schip had de vorige dag gestoten en met een grote stortzee werd de kajuit vol water gespoeld. Ook een gedeelte van de verschansing was weggeslagen. Het schip werd toen ook zo lek, dat men het aan de grond moest zetten. Met hulp van hier heeft men het schip echter vrij van zinken gehouden. Niettegenstaande er voortdurend gepompt werd, stond er nog aanhouden 4 â 5 voet water in het ruim.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 26 juni. Heden werd door de schipper Kroon met de visschuit UK 16 aangebracht de ijzeren leuning van de brug van een stoomboot, door hem in zijn kor ten Zuiden van Callantsoog op 13 vadem water opgehaald. Men vermoedt dat dit afkomstig is van het in november 1879 verongelukte Nederlandse stoomschip PALLAS.


29 juni 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. De Nederlandse schepen SCHAGEN en ST. CHRISTOPHORUS zijn uit de hand verkocht aan de heer N. Brantjes te Purmerend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 28 juni. Heden werd van de werf van de firma Wed. C. Boele & Zonen, scheepsbouwmeesters alhier, met goed gevolg te water gelaten een ijzeren paviljoenschuit, groot 2.000 centner, gebouwd voor rekening van de heer T. Berendts, te Doornenburg bij Arnhem.
Daarna werd de kiel gelegd van de passagiers schroefstoomboot OUDERKERK II, voor rekening van de stoombootrederij Maas & IJsel, gevestigd te Kralingscheveer. De machine (compound-systeem) en ketel zullen worden vervaardigd door de machinefabrikanten Burgerhout & Zoon te Rotterdam.


30 juni 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 28 juni. Het stoomschip P. CALAND, kapt. Bonjer, is met assistentie van de sleepboot MAASSLUIS heden avond vlot gekomen en opgestoomd; het heeft niet gelicht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 juni. Het schip WM. H. BESSE, bij Pulo Babi op strand gezeten hebbende, is door een stoomboot gesleept, hier ter rede gekomen. Het zal door duikers onderzocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 28 juni. Van het Nederlandse schip EENDRACHT, kapt. De Groot, 25 maart van Bo’ness naar Gothenburg met steenkolen, heeft men sedert niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 15 juni. De gezagvoerder van het Nederlandse stoomschip AMSTERDAM, van Amsterdam alhier aangekomen, rapporteert dat 7 dezer op 41º29’ NB 58º WL de stoompijp van de hogedrukcilinder brak, waardoor men genoodzaakt was de machine op enkel werk te stellen en de volgende dag de reis onder werking van de lagedrukcilinder te vervolgen.


01 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel (Stormpolder), 29 juni. Heden is op de werf van Cs. van der Giessen de kiel gelegd van een ijzeren paviljoen-boeierschuit (opm: de VROUW MARIA) voor rekening van de heer L. Ouweneel Dzn. te Gouda.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 30 juni. Het stoomschip BATAVIA heeft een proefreis gemaakt van Vlissingen tot in zee en terug. Het heeft uitmuntend voldaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 30 juni. Met gunstig gevolg werd heden van het etablissement des heren P. Smit Jr. te water gelaten het voor rekening van de heren Hudig & Veder te Rotterdam gebouwde stoomschip ECHO. Dit vaartuig heeft een laadvermogen van 1.200 ton, is voorzien van Emerson, Walker & Co’s ankerspil, drie stoomlieren van het nieuwste systeem, vervaardigd op genoemd etablissement, alsmede van Higginson stoomstuurwerk, en is voldoende van waterballast voorzien om met stormweder goed bestuurd te kunnen worden. Ook de machine van het compound surface condensing systeem, 100 npk sterk, benevens de stoomketel van 120 npk (opm: waarschijnlijk wordt hier de stoomcapaciteit voor opwekking van 120 npk bedoeld, dus 20% grotere capaciteit dan de machine behoeft) zijn eveneens aan dit etablissement vervaardigd.
Zodra het vaartuig te water lag, werd de kiel gelegd van het stoomschip INO, hetwelk mede voor rekening van genoemde firma zal worden gebouwd.
Tal van dames en heren uit Rotterdam waren bij het aflopen tegenwoordig, die daarna vertrokken met een speciale stoomboot, daartoe door de reders afgehuurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal vrijdag 6 juli 1883, des avonds ten zeven uur, in het Hotel De Leeuw te Veendam, ten verzoeke zijner principalen, publiek verkopen het in 1876 nieuw gebouwde overdekte tjalkschip, genaamd de VROUW MEINA, groot 110 tonnen, met al deszelfs opgoederen en toebehoren, in voege het laatst bevaren is geweest door schipper Sjoerd Wietze Dijkstra, thans liggende in de haven te Zaandam.
Informatiën te bekomen ten kantore van Procureur J.J. Soer, te Veendam, bij de heer J. Romkes van der Goot, te Sappemeer en ten kantore van opgenoemde notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremen, 27 juni. De koftjalk ANNA GESINA, kapt. Janszen, van Hamburg naar Borkum met stenen, is op Schmidt Steert ten NNW-en van de Wezer vuurtoren gestrand en kan als wrak beschouwd worden. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 29 juni. Heden is hier aangekomen de eerste partij rails, door de duikers boven water gebracht uit het in november laatstleden gestrande schip DAYSTAR, kapt. Potjewijd, van Middlesbro naar Colon. De bergers genieten 50% van de waarde van de geborgen rails.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram uit Cardiff is het fregatschip A.H. VAN TIENHOVEN SR., kapt. Krijgsman, heden uit de haven vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 28 juni. Van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. alhier werd heden met goed gevolg te water gelaten het ijzeren Rijnschip ROSINA EN HELENA, groot ca. 325 last, gebouwd voor rekening van de heren Joh. van ’t Hoff te Rotterdam en V. Kissel te Gernsheim.
Daarna is de kiel gelegd van een ijzeren Rijnschip, groot ca. 415 last, te bouwen voor rekening van de heer Jb. Fink te Bröhl am Rhein.


02 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 juni. Volgens een brief van kapt. R.J. de Weerd, voerende het Nederlandse schip AURORA, van Riga herwaarts, van Elseneur 26 dezer, lag hij aldaar met ongeveer 700 naar de Noordzee bestemde schepen wegens tegenwind geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 juli. Van de lading uit het verongelukte schip DAYSTAR werden gisteren door een duiker weer 115 spoorrails aangebracht. De rails zijn 6 tot 8 meter lang. Heden is men opnieuw naar de strandingplaats vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 mei. De rechtbank van onderzoek heeft in de aanvaring van de BENTAN en de BILLITON in de haven van Singapore op 12 april l.l. verklaard, dat de schuld alleen bij de BILLITON lag en de gezagvoerder J.R. Milnes voor drie maanden geschorst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 juli. Heden is alhier aangekomen van Vlissingen het stoomschip BATAVIA (opm: na proeftocht en overdracht).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Johan Fredrik von Glahn, makelaar, zal op maandag 9 juli 1883, des middags ten 3 ure, in het verkooplokaal Frascati aan de Nes te Amsterdam publiek verkopen een sterke en goed ingerichte schroefstoomsleepboot, genaamd VOORUITZIGT, volgens meetbrief lang 9,91 meter, breed 2,94 meter, hol 1,52 meter, gemeten op 24 ton, met derzelver sterke machine van 12 PK en ketel, de 23e januari 1883 onderzocht en goedgekeurd, alsook enige losse inventaris, bestaande in machinekamergereedschappen, ankers, kettingen, slepers, pomp, waarloze schroef, puts en kurkenzak.
Voornoemd vaartuig ligt aan de fabriek van stoomwerktuigen genaamd Het Zeepaard, van de heren H. & J. Suyver, einde Bickerstraat, en is dagelijks te bezichtigen. Het vaartuig zal een dag voor en op de verkoopdag stoom op hebben om voor gegadigden proef te malen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 15 juni. De gezagvoerder van het stoomschip AMSTERDAM, kapt. T.M. Lucas, van Amsterdam hier aange komen, rapporteert dat op de 7e dezer, op 41º29' NB 58º23' WL, de stoompijp der hogedrukking cylinder brak, waardoor men genoodzaakt was de machine op enkel werk te stellen en de volgende dag de reis onder werking der lagedrukking cylinder te vervolgen. Dit stoomschip passeerde de 5e dezer, op 41º24' NB 50º04' WL, een grote ijsberg.


03 juli 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij.
Aan heren aandeelhouders wordt bericht dat de Algemene Vergadering zal gehouden worden op dinsdag 31 juli a.s., des namiddags ten drie uur, in het lokaal Eensgezindheid op het Spui te Amsterdam.
Het verslag, de balans en de winst- en verliesrekening over het afgelopen boekjaar, zullen vanaf de 17e a.s. ter visie liggen ten kantore der vennootschap (P.C. Hooftstraat no. 22).
Houders van aandelen aan toonder worden herinnerd, om, overeenkomstig art. 36 der Statuten, hun aandelen te deponeren ten kantore der vennootschap, tegen een bewijs van ontvangst, dat tevens dient als bewijs van toegang tot de vergadering.
Amsterdam, 2 juli 1883, de Raad van Commissarissen, A.A. Bienfait, president, A.L. Wurfbain, l.S.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Men schrijft ons uit Anjer:
Zondag middag 24 dezer ten vijf uur is hier het Amerikaanse barkschip WM. H. BEESIE gestrand in de buurt van Groot Tidong (Hoorn eilanden) en Poeloe Babi. In de opgegeven peiling van Groot Tidong WNW op vijf Engelse mijlen en Poeloe Babi NOtO½O op zeven Engelse mijlen, is op de kaart geen klip te vinden, maar vermoedelijk was de peiling van Groot Tidong niet WNW maar NNW, en dan zou het schip op de Struisvogelklip kunnen zitten.
Er is onmiddellijk aan de Amerikaanse Consul getelegrafeerd om de assistent resident te verzoeken aan de commandant der zeemacht het verzoek te doen om uit Batavia spoedig hulp te verlenen, want van hier uit kan in dit geval door de te grote afstand niets worden gedaan bij volkomen afwezigheid van enig stoomvaartuig hier in de buurt.
De Amerikaanse schepen schijnen in de laatste tijd niet alleen veel last van stranden te hebben, maar ook van grote ontevredenheid onder de bemanningen. Een week of vijf geleden zwommen er van een Amerikaans schip vier of vijf matrozen naar wal.
Nu, in de vorige week weder van de Amerikaanse bark WOODWIL, en dat laatste had toch zeker niet in een dronken bui plaats, want niemand van de bemanning was aan wal geweest en aan boord der Amerikaanse schepen wordt aan verstrekken van sterke drank niet veel gedaan. Als men dan nagaat, welke gevaren er aan verbonden zijn om de grote afstand, waarop meestal de schepen van de wal liggen, te doorzwemmen, terwijl bovendien de nodige haaien in de buurt zijn, dan moet er toch wel enige reden bestaan om dat waagstuk te beginnen. De man is na vertrek van het schip hier in de buurt opgepakt en verklaarde door de slechte behandeling aan boord en, vooral om het eten, dat zou bestaan uit hard brood en niets anders, gedeserteerd te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 juli. Volgens een ontvangen bericht is te Sundsvall aangekomen het schip FELICITAS, kapt. Oosting, en te Riga het schip HILLECHIEN, kapt. Gransbergen, beiden van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 7 mei. De KOOLEMAN BEIJNEN ligt aan voor Nederland tot NLG 45 per last.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 2 juli. De bergers van de lading spoorrails uit de in november laatstleden gestrande bark DAYSTAR, brachten gisteren weer 115 rails mede. Niet 50%, maar 55% van de waarde is als bergloon bedongen. Van dat bedrag krijgt de duiker zelf 20% voor zich en het helmduiktoestel. In het geheel zijn nu 273 rails aan land gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 7 mei. De ASTREA arriveerde 23 april met stukgoed uit Europa en zal na lossing van de voor hier bestemde lading de reis naar de Molukken voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 26 mei. Vrachten zonder afdoeningen nu er haast geen product meer over is. Nederlandse schepen werden niet bevracht. In lading naar Nederland liggen de stoomschepen ZUID-HOLLAND, KONINGIN EMMA en CONRAD. Het enige onbevrachte Nederlandse schip is de INSULINDE.


04 juli 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 29 juni. Volgens rapport is het Groninger schoenerschip CORNELIA, kapt. P. Kaper, van Rio Grande naar Triëst, enige dagen geleden Gibraltar gepasseerd.


  JB - Javabode

Het Nederlandse schip MARIA, kapt. Schipper, op reis van Tjilatjap naar Soerabaija, passeerde de 29e juni Straat Sunda. Een groot gedeelte der equipage is ziek aan berri-berri.
Het heeft aldaar tien koelies aangenomen om het schip naar Batavia te helpen brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Macassar, 7 mei. Het barkschip L.R. KOOLEMANS BEIJNEN, kapt. G. Volkersz, (17.000 pic) ligt aan voor Nederland tot NLG 45 per last.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 1juli. Als een buitengewoon voorspoedige reis kan worden vermeld dat het barkschip FRISIA, kapt. Boswijk, de reis van Harlingen naar Sundsvall en terug in 31 dagen heeft volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Het stoomschip WILLEM, PRINS VAN ORANJE, voor de maildienst Vlissingen – Queensboro bij de firma John Elder & Co te Glasgow gebouwd, maakte gisteren een proefvaart op de Clyde. Het schip liep een vaart van 18,2 knopen per uur. Het vertrekt heden van Greenock naar Vlissingen, waar het tegen donderdagavond (opm: 5 juli) verwacht wordt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 juli. Volgens een telegram uit Londen heeft het Nederlandse schip SCHIEDAM II, kapt. Nagel, van de Plata rivier naar Falmouth en lek met schade aan het want te Rio de Janeiro binnen gelopen, de gehele lading onbeschadigd gelost, het schip zal vermoedelijk worden afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aden, 1 juli. Kapt. Klein, gezagvoerder van het stoomschip ZUID HOLLAND, hier aangekomen van Java, rapporteert het Duitse stoomschip CARLOS, hetwelk gebrek aan steenkolen had, op sleeptouw te hebben gehad op ongeveer 200 Engelse zeemijlen van Aden. Door het breken van de sleeptros, veroorzaakt door harde wind en hoge zee, was hij genoodzaakt het te verlaten.


05 juli 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Batavia, 30 juni. Tegen augustus a.s. of wellicht iets later kunnen hier, naar wij vernemen, twee nieuwe schepen der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij verwacht worden, aan de Clyde gebouwd. Zijn wij wel ingelicht, dan zouden zij voor de vaart op de Molukken bestemd zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het Droogdok te Rotterdam.
De ontwerpverordeningen op het beheer en gebruik van het ijzeren drijvend droogdok zijn thans aan de leden van de Gemeenteraad rondgedeeld. Wij ontlenen daaraan het volgende:
Onder dagtekening van 7 mei hebben Burgemeester en Wethouders van de Commissie voor de plaatselijke werken ontvangen de ontwerpen van zodanige verordeningen. Omtrent de bepalingen op het in gebruik geven van het dok hebben zij gemeend de Kamer van Koophandel en Fabrieken te moeten horen. Haar advies wordt met het daarop nader rapport van de Commissie voor de plaatselijke werken hierbij overgelegd. Daaruit blijkt dat deze Commissie in de opmerkingen der Kamer aanleiding heeft gevonden om in haar ontwerp een aantal veranderingen te maken. Met het aldus gewijzigd ontwerp, zowel met dat op het beheer van het dok hebben Burgemeester en Wethouders zich verenigd. Burgemeester en Wethouders geven mitsdien in overweging beide verordeningen vast te stellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 3 juli. In een hedenavond in de Nieuwe Stadsherberg alhier gehouden vergadering van aandeelhouders in de Rotterdamsche Schroefstoombootvaart Maatschappij, is met algemene stemmen (één aandeelhouder hield zich buiten stemming) besloten om in de plaats van de stoomboot DE NIJVERHEID een nieuwe schroefstoomboot, compound- systeem, groot 55 last, voor pl.m. NLG 22.000 te doen bouwen.
Toen op 12 juni een voorstel zou in stemming komen om voor NLG 30.000 een nieuwe boot, groot 70 last, te doen bouwen, verlieten de tegenstanders de vergadering, tengevolge waarvan deze tot heden werd uitgesteld.


  JB - Javabode

Batavia, 5 juli. Hedenmorgen werd een proeftocht gemaakt met het nieuwe stoombootje van het Bataviaasch Prauwenveer, de ELISABETH. Commissarissen en directie van het Veer hadden enige heren van de handel, de president van de Kamer van Koophandel, de directeuren van andere veren, de pers enz. uitgenodigd en met dit gezelschap aan boord, werd hedenmorgen een kleine tocht buiten om naar Priok gemaakt, vanwaar men door het Kanaal retourneerde, tegen welke vermoeienissen de gasten overvloedig gesterkt werden door her keurig onthaal, hun aan boord bereid.
De ELISABETH, bestemd voor de dienst naar Priok, is een dier kleine handige stoomvaartuigjes, zoals de CUSTOS I en II, die op de rede hier zulke menigvuldige diensten bewijzen en zo uiterst geschikt zijn voor de uiteenlopende eisen, vaak aan de prauwenveren gesteld.
Of echter het scheepvaartkanaal al geheel ingericht is voor die prauw-scheepvaart mag hier en daar betwijfeld worden. Uitdieping blijft nodig. Wij hopen dan ook, dat het opperbestuur in Nederland, dat met het oog op de vroeger aangevraagde concessie, reeds de koorden van de beurs nauwer toehaalde, waardoor de werkzaamheden op Priok en omgeving thans veel kleinere proporties hebben aangenomen, met milde hand voor de algemene voltooiing van dat scheepvaartkanaal zal gaan zorgen.
Dergelijke proefvaarten als hedenmorgen hebben ongetwijfeld het nut, dat zij ook bij die personen, die gewoonlijk zelden of nooit door hun bezigheden te Priok geroepen worden, op de noodzakelijk nog aan te vullen leemten van dit overigens zo grootse en kunstvolle havenwerk opmerkzaam maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bath, 1 juli. De Nederlandse tjalk TWEE GEBROEDERS, kapt. De Witte, van België naar Bergen op Zoom, met stenen, is hedenochtend zwaar lek hier in de nabijheid met assistentie op strand gezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 8 juni. Het schip SCHIEDAM II, van Gualeguaijchu (Urugay) naar Falmouth met talk en benen, liep hier na stormweer te hebben doorstaan de 1e juni binnen. Het had schade geleden aan de romp en het tuig, en maakt 5 duim water per uur op zee. In de haven was het dicht. Na onderzoek werd aanbevolen de lading te lossen en twee bladen koper af te nemen, waarna het weer onderzocht zou worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen 1 juli. Het stoomschip BERGEN, kapt. de Vries, van de Oostzee, heeft op de Middelgronden aan de grond gezeten, doch is zonder assistentie vlot gekomen en heeft de reis voortgezet. Het vertrok 26 juni van Danzig naar Aberdeen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 3 juli. Door de bergers van de lading spoorrails uit de DAYSTAR werden gisteren weer 103 rails geborgen en hier aangebracht. Ook heden is het weer gunstig voor de werkzaamheden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong 23 mei. De gezagvoerder van het stoomschip TAMSUI, de 11e mei van hier naar Shanghai vertrokken, rapporteert het schoenerschip MATARAM, van Soerabaja, in het vaarwater drijvende gevonden te hebben. De fokkemast, grote steng en roer was weg, de grote mast was gebroken. Alles aan boord was stuk geslagen en het schip geheel uitgeplunderd en de koperen huid er afgehaald. Het werd te Swatow binnen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockholm, 27 juni. Het Nederlandse barkschip ANNA MARGARETHA, geladen met hout, heeft 15 juni op Bjornibor reven aan de grond gezeten bij het Severiska Bjorn-vuurschip. Door het overboord werpen van een gedeelte van de lading is het vlot gekomen en heeft het de reis voortgezet.


06 juli 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Strandvonderij, De burgemeester van Terschelling roept bij deze op de rechthebbenden op een uit zee bij hem gebracht wrak, liggende thans te Nieuwediep, zijnde van een schoener of brikschip, lang 120 Amsterdamse voet, breed 30 Amsterdamse voet, totaal plm. 300 ton, gebouwd van beuken en grenen hout, koper en ijzervast; alsmede van de daaruit geborgen en te Nieuwediep opgeslagen lading bestaand uit p.m. 25.000 stuks pit props (mijnstutten), waarvan enkele gemerkt, W, E, S, CH en SS.
Voorts worden belanghebbenden ter reclame opgeroepen voor de navolgende aangespoelde voorwerpen, als: 1 groen geschilderde wrakton No. 139 Wreck, 5 zwemgordels waarvan 1 gemerkt HAPAC, 1 mast onder en boven blauw, 1 eind mast, 3 spieren en 1 oude defecte sloep, ongemerkt.
Terschelling, 2 juli 1883, de burgemeester voornoemd, D. Reedeker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 juli. Wegens opkomend onweer moesten de bergers van spoorijzer het wrak van de DAYSTAR gisteren vroegtijdig verlaten. Men bracht echter nog 60 spoorrails mede. De schuiten zijn later weder vroegtijdig naar de strandingplaats gezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep 4 juli. Kapt. Coerkamp van het Nederlandse barkschip ANNA MARGARETHA, met een lading balken van Sundsvall alhier aangekomen, rapporteert dat hij door dikte van mist in Alanas Hafn aan de grond is geraakt, waardoor hij verplicht was een gedeelte van zijn lading over boord te werpen om vlot te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 4 juli. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. van der Kuijl alhier te water gelaten de voor rekening van de heer N. Franken Wmz. te Dordrecht gebouwde ijzeren goederenschroefstoomboot CATHARINA. De machines voor de boot worden vervaardigd bij de heer H.J. Koopman, fabrikant te Dordrecht.


07 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juli. Het Nederlandse stoomschip JUPITER is op de reis van St. Petersburg naar Croonstad in aanvaring geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 juni. Het Nederlandse schip SLANGEVECHT, kapt. Bakker, van hier naar Macassar, met schade te Madeira binnen, is gisteren van daar naar een reparatiehaven vertrokken, nadat pompen en molens (opm: lenspompen en windmolens) uit Engeland waren aangekomen. De lading kolen is afgekeurd en verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 juli. De nieuwe boot voor de maildienst Vlissingen – Queenboro’ v.v. is deze nacht ten half drie ure van Greenock hier binnengelopen De indienststelling zal in de loop der volgende week plaats hebben.
(opm: de WILLEM PRINS VAN ORANJE)


08 juli 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 8 juli. Het schroefstoomschip 1e klasse VAN SPEYK, gebouwd en nog liggende op de Landswerf alhier, is bijna gereed voor de dienst. De stoomwerktuigen, vervaardigd en gesteld door de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen alhier, hebben met gemeerd schip gedraaid en voldaan. Binnen enige dagen wordt dit schip naar Willemsoord overgevoerd, om langs de gemeten mijl de proeftocht te doen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 7 juli. Het fregatschip SALATIGA, kapt. Boog, dat uitgaande naar Java in het kanaal aan de boeien gemeerd en tot vertrek gereed lag, geraakte gisterenavond door de sterke stroom en door zuiging van een voorbijslepend schip op drift en bekwam schade aan de kraanbalk en het stuurwerk. Het schip is hedenachtend opgesleept naar Rotterdam om te worden gerepareerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 6 juli. Volgens telegram uit Londen alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het schip IDUNA, kapt. Asmus, van Rotterdam naar de westkust van Afrika, met schade door aanvaring met een stoomboot te Falmouth binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juli. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG II, kapt. Schultz, van Newcastle naar Java, met schade te Falmouth binnen, heeft de reparatie beëindigd, de geloste lading weder ingenomen, en is gereed de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 7 juli. Onder begunstiging van het prachtigste weder bij een westenbries deed de vierde nieuw gebouwde boot der Maatschappij Zeeland, WILLEM, PRINS VAN ORANJE, commandant P. Joha, zijn proeftocht van Vlissingen uit, op de gewone route. De snelheid bedroeg bij 316 slagen en 3.950 indicateur paardenkrachten 18 knopen. Een belangrijke verbetering is aangebracht door de verplaatsing van de hut van de commandant naar de brug, terwijl daardoor een afzonderlijke ruime hut verkregen is ten dienste van hoge personages. Bovendien is de rookkamer aanmerkelijk vergroot en prijkt met keurige panelen van tegeltjes uit de bekende fabriek van Thooft te Delft, met afbeeldingen naar schilderijen van Ostade, Van de Velde, Potter en Hackaert.
De wakkere directeur, de heer C. L. van Woelderen, wijdde aan de dis een gepaste feestdronk aan Z.K.H. de Prins van Oranje.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juli. Het in ’t begin van april te Vlissingen van de werf der Koninklijke Maatschappij De Schelde te water gelaten schroefstoomschip BATAVIA, kapt. Boon, gebouwd voor rekening van de Rotterdamsche Lloyd, directeuren de heren W. Ruijs & Zonen te Rotterdam, ligt thans in de Spoorweghaven te Fijenoord.
Dit fraaie stoomschip, bestemd voor de veertiendaagse vaart tussen Rotterdam en Nederlandsch-Indië, is lang over dek 310, breed 37 en hol 27 Engelse voeten, laadt ongeveer 3.000 ton en is opgenomen in de hoogste klasse van Lloyd en Nederlandsche Vereeniging. Het heeft brikstuig en stalen masten.
In de campagne zijn inrichtingen voor 36 passagiers eerste klasse, waarvoor de hutten allersierlijkst en comfortabel zijn ingericht en met fraaie tapijten belegd.
Doelmatige wasinrichtingen bevinden zich in de hutten, die ruim en luchtig zijn. Achter in de campagne bevinden zich twee badkamers. Bij de ingang aan stuurboord is een gemakkelijke rookkamer en aan bakboord zijn de buffetten van de hofmeester. In het ruime eetsalon, geheel beschoten met wit marmer met vergulde arabesken, bevindt zich aan de stuurboordzijde een sierlijke piano en aan bakboord een prachtig buffet met marmeren blad. Fraaie draaiende stoelen staan vast in het dek langs de mahoniehouten tafels, waarboven vier prachtige lampen van nikkel hangen met slingerbakken vol fraai glaswerk. In de glazen, die, licht aan het eetsalon verschaffen, is het wapen van Batavia, het staande zwaard met krans, gegraveerd, evenals in de sierlijke schijnlichten, waarin het wapen van Batavia in de gekleurde glazen gegraveerd is. Het Koninklijke wapen prijkt aan de ingang der campagne in gekleurd glas.
Tot het dek der campagne voeren twee sierlijke en gemakkelijke trappen en de passagiers hebben aldaar een aangenaam en luchtig verblijf, waar uitstekende gelegenheid is te wandelen. In de voorhut en onder de brug bevindt zich eerst de hut van de dokter en de apotheek en verder vooruit de hutten der officieren en machinisten, ook een ijshut, waarin berging voor vijf ton ijs met flessenkoeler aanwezig is, waardoor in het warme klimaat aan de opvarenden verkoelende dranken kunnen worden verschaft. Op de brug bevindt zich de hut van de gezagvoerder met de kaartenhut.
Ook het stoomstuurtoestel, vervaardigd door Higginson & Co. te Liverpool, bevindt zich daar; tevens is men door een groot stuurrad in staat ook vandaar het schip zonder stoom te kunnen besturen. Het bovendek, grotendeels van ijzer, is beschoten met teakhout.
Onder de bak zijn ruime verblijven voor de equipage en voor in het hoge en ruime tussendek, overvloedig van licht en lucht voorzien, is een zeer doelmatige en flinke inrichting voor 26 tweede klasse passagiers. Aan stuurboord is een welingerichte ziekenboeg en aan bakboordzijde de provoost, die dienst kan doen, ingeval er troepen worden vervoerd. In de kolenbunkers is ruimte om ongeveer 400 ton kolen te kunnen bergen. De prachtige machine van 240 paardenkracht nominaal, die tot 1300 indiateur paardenkracht kan opgevoerd worden, benevens de stoomketels, zijn vervaardigd door de fabriek der Koninklijke Maatschappij De Schelde. De ketels zijn geperst op 160 pond en worden gestookt tot op 80 pond per vierkante duim. Er is berging onder in het schip voor ongeveer 150 ton water ballast en het ruim is voorzien van vijf waterdichte schotten. Behalve de pompen voor de machine zijn nog drie pompen aanwezig, waarvan een in staat is ongeveer 100 ton water in het uur uit te pompen.
Zes grote boten, waaronder vier reddingboten bevinden zich in de davits en ieder der opvarende heeft een reddingboei. Aan boord bevindt zich ook een patentlood, geschikt om wanneer het schip vaart heeft met 100 vadem grond te kunnen loden. De ankers worden met stoom bewerkt, evenals de lossing door stoomlieren geschiedt.
Over het algemeen maakt dit stevige en fraaie, in Nederland gebouwde stoomschip, waarop alle verbeteringen en uitvindingen op het gebied van ventilatie en der scheepvaart zijn toegepast, de gunstigste indruk, en de prachtige en comfortabele inrichting en de uitstekende beleefdheid van gezagvoerder en officieren maken het zeer aanbevelenswaardig voor passagiers, die de reis naar Indië willen ondernemen.


09 juli 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

De 30e mei j.l. vertrok het Gouvernements stoomschip AREND naar de Westkust van Sumatra. Te Kloeang bevond zich ter rede het voormalige stoomschip KALAHAME, waar thans de machine is uitgenomen en dienst doet als bergplaats van peper. Men wenste deze bodem naar Oleh-leh te slepen, maar de AREND was niet berekend om een schip van de grootte van de KALAHAME over de afstand van Kloeang naar Oleh-leh te slepen. Het toevallig ter rede liggende stoomschip RAJAH werd ingehuurd, hetwelk de KALAHAME naar Oleh-leh sleepte.


  AH - Algemeen Handelsblad

Falmouth, 6 juli. Het schip IDUNA, kapt. Asmus, van Rotterdam naar Bonny met gemengde lading, liep hier binnen, met schade aan het stuurboords achterschip, beschadigde verschansing en ontzet dek, welke schade werd veroorzaakt door aanvaring met het stoomschip GRIMSEL, van Shields naar Alexandrië bestemd. De aanvaring had plaats de 3e juli des nachts te 1 uur, peilende het eiland Wight NNO op zeven Engelse mijlen afstand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 8 juli. Uit het wrak van de DAYSTAR werden gisteren 134 rails en 100 sluitstukken geborgen. Ook bracht men een dekbalk met zware knieën boven water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 juli. Volgens een heden ontvangen particulier telegram is het schip TWEE GEBROEDERS, kapt. Houwink, van Amsterdam behouden te Macassar aangekomen.


10 juli 1883


  JB - Javabode

Samarang, 7 juli. Door de hoge zee is eergisteren een schoener, beladen met rottan, op de rede alhier volgeslagen en gezonken. De opvarenden zijn allen gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 juni. Vrachten. Terwijl in het bericht van de 19e mei nog melding gemaakt kon worden van enige, zij het dan ook slechts weinige, afdoeningen, kan men, wat het sedert verlopen tijdvak betreft, slechts gewag maken van een bijna volslagen stilstand van zaken op het gebied van vrachten, en het enige charter, dat plaats vond gedurende de veertien dagen, die men heden de revue laat passeren, is dat van een Nederlands schip voor Gouvernements-koffie tot NLG 55 naar Nederland. Dit cijfer toont weliswaar een verhoging aan, maar, hoewel Factorij-cijfers van invloed zijn op de koersen naar Nederland, die naar den vreemde regelen zich geheel naar de particuliere behoefte, en de toestand van vrachten in het algemeen wordt derhalve hierdoor niet beheerst. Bijna totaal gebrek aan vraag en toename der onbevrachte vloot, is de momentele positie gedecideerd ongunstig. Ook stoomschepen hebben moeite om hun ladingen bijeen te krijgen, hoewel reeds produkten uit de nieuwe oogst afgevoerd worden. Behalve het aanleggen van een paar geregelde lijnboten vonden ook op dit gebied geen transacties plaats, doch valt aan te tekenen, dat de eerste boot, voor suiker van het nieuwe seizoen bevracht, gearriveerd is.
De afdoeningen van Nederlandse schepen zijn: INSULINDE NLG 55 volle lading Factorij-koffie van de Noordkust naar Rotterdam; stoomschip KONINGIN EMMA NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 120 indigo, NLG 67,50 tabak NLG 40 tin naar Amsterdam, en Ffrs 90 koffie, peper en damar naar Marseille; stoomschip ZUID-HOLLAND dezelfde koersen.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: NEREUS en de stoomschepen CONRAD. PRINS ALEXANDER, BURGEMEESTER DEN TEX en UTRECHT.


11 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juli. Het Nederlandse schip L.R. KOOLEMANS BEYNEN, kapt. Volkersz, zou volgens een particulier bericht einde mei of begin juni van Macassar herwaarts vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juli, volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip PRINS HENDRIK, kapt. De Jong, goed en wel van Lissabon te Cardiff aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 juli. Met het ebgetij slaagden de bergers van de lading uit de DAYSTAR er in weer 77 spoorrails en een aantal sluitstukken te bergen. Een lichte verwonding van de duiker en toenemende onstuimigheid van de zee waren oorzaak, dat voor vandaag het duiken gestaakt moest worden.


12 juli 1883


  JB - Javabode

Over het Atjeh-contract bevat de Straits Times van dezer dagen de volgende bijzonderheden:
De stomers DEVONHURST, KONGSEE, MAHA VAJIRUNHIS en M. MEANATCHY behoorden tot de Atjeh Steamship Co. Ltd., waarin verscheidene deelgenoten in het lopende Atjeh-contract aandeelhouders waren. Deze stomers zijn verkocht en worden overgedaan aan de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, niet omdat, zoals beweerd is, de Nederlands-Indische regering bijzondere verplichtende voorwaarden ten opzichte van verscheping in de toekomstige contracten wenste te zien opgenomen, want het werd vrijgelaten in te schrijven onder Nederlandse dan wel vreemde vlag, maar ten gevolge van het verbreken van de vennootschap, die het lopende contract uitvoert, zullende, naar men ons bericht, de heren Katz Brothers van Penang en Singapore, en de heren P. Landberg & Zoon, John Pryce & Co. en J.F. van Leeuwen & Co, van Batavia, daaruit treden met 31 december a.s. De deelgenoten in het nieuwe contract, dezer dagen door de Nederlands-Indische regering gegund voor de jaren 1884, 1885 en 1886, zijn, naar men ons meldt, de heren De Lange & Co., de factory der Nederlandsch-Indische Handelmaatschappij, en de heer G.P. Tolson, welke laatste als agent en gemachtigde te Atjeh zal optreden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. Ament, I.R. Bos Janszen en I.I. van der Sande, makelaars, presenteren op maandag 30 juli 1883, des middags ten 3 ure, in het lokaal Frascati in de Nes alhier, voor hun principalen ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek te verkopen het extra welbezeild, kopervast en gezinkt Nederlands barkschip genaamd TRIPLEX, kapt. R. Rab, gemeten 451 reg. tonnen, 1.280 kubieke meter netto; met deszelfs complete inventaris, liggende alhier aan de Werf Concordia van de scheepsbouwmeesters Huygens & Van Gelder, Oostenburgervoorstraat 29.
Nadere inlichting bij genoemde makelaars, zijnde het schip inmiddels uit de hand te koop.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 11 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip ANNA AUGUSTA, kapt. Wietsma, heden van Harlingen te Windau gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 10 juli. Heden werd alhier in het openbaar verkocht een wrak, zijnde het hol van een brik of schoener met deszelfs lading, bestaande uit plm. 25.000 stuks pitprops (opm: mijnstutten) op zee onderste boven gevonden en waarvan naam of herkomst heden nog onbekend is. Koper van het wrak werd de heer J.N. Prins alhier, ad NLG 615. Het hout bracht plm. NLG 1.500 op. Het juiste bedrag kon slechts na aflevering gegeven worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het voornemen bestaat het schroefstoomschip 1e klasse VAN SPEIJK, bij gunstig weder, op 16 dezer van Amsterdam naar Willemsoord over te voeren, zullende de overvoer van IJmuiden met eigen stoomkracht geschieden en daarbij Zr.Ms. ramschip SCHORPIOEN konvooi verlenen. Bij aankomst te Willemsoord zal de VAN SPEIJK in het droogdok worden opgenomen tot schoonmaken van de huid, om daarna onder stoom te worden beproefd, na afloop waarvan genoemde bodem weder naar Amsterdam moet worden overgebracht om aldaar afgetimmerd en in conservatie opgenomen te worden.


13 juli 1883


  JB - Javabode

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappj Insulinde. Opening van de geregelde maildienst voor passagiers en lading tussen Amsterdam en Nederlands-Indië, zullende ook Macassar worden aangedaan.
De dienst zal worden verricht door de volgende stomers, vertrekkende van Amsterdam:
C. FELLINGER, 2.003 tons, de 31e juli a.s.
MACASSAR, 2.500 tons, de 31e augustus a.s.
PADANG, 2.500 tons, de 30e september a.s.
KONING WILLEM III, 2.500 tons, de 31e oktober a.s.
NEDERLAND EN ORANJE, 2.500 tons, de 30 november a.s.
Voor het bespreken van passage en vracht, gelieve men zich te wenden tot de agenten J.F. van Leeuwen, te Padang, Batavia, Samarang, Soerabaija en Macassar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 12 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het fregatschip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, hedenochtend te Falmouth voor order aangekomen. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 11 juli. Volgens een telegram uit Rio de Janeiro zal het hier met schade binnen gelopen schip SCHIEDAM II, kapt. Nagel, publiek worden verkocht. De lading zal niet verscheept worden voordat de averijpapieren in orde zijn. Men heeft geadverteerd om scheepsruimte om de lading te vervoeren.


14 juli 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 12 juli. Volgens particulier ontvangen bericht is het schip EMS, kapt. Wortel, van hier te Riga aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 12 juli. Volgens particulier ontvangen bericht is het schip CERES, kapt. Boompaal, van hier te Riga aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 13 juli. Volgens een telegram is het schip ANNA, kapt. Josschalk heden van hier te Sundsvall aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft ons uit IJmuiden:
Gisteren heeft hier buitengaats een proeftocht plaats gehad met het nieuw gebouwd stoomschip TERSCHELLING, bestemd voor de vaart tussen Terschelling en Harlingen. De tocht had plaats bij vrij ruw weer uit het WZW; de zee stond nogal hoog, maar het schip bleek bij alle wendingen, gelijk men van de duinen zien kon, waar vele belangstellenden hadden post gevat, zeer goed tegen de golven bestand te zijn. Ieder die bekend is met de baan, die het schip dagelijks zal hebben te doorlopen, tussen Terschelling en Harlingen, en dus weet hoe het daar kan spoken, kan dus gerust zijn bij de wetenschap, dat deze boot niet alleen snelvarend doch ook een zeeschip is.
Het schip is getuigd als gaffelschoener en is ook bovendeks als zeeschip ingericht; de bouwmeester, die alle eer van zijn werk heeft, rekende dus ook op het verenigen van doelmatigheid en deugdelijkheid.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 juli. Volgens de laatste telegrafische berichten was het Nederlandse schip BIMA, kapt. Esman, ladende te Inhamasenga (kust van Mozambique).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is heden hier te Sundsvall aangekomen, het schip ALLEGONDA JACOBA, kapt. Ebes.


15 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 14 juli. Volgens een heden bij de rederij ontvangen bericht is het schip MARNIX, kapt. Kuiper, van IJmuiden te Sundsvall gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 14 juli. Het Nederlandse galjootschip ZEEHOND, kapt. Datema, in ballast naar de Oostzee bestemd, is bij het uitzeilen door stilte, tegen de Noordpier gedreven, en door een sleepboot afgesleept. Het schip is door zware lekkage in de buitenhaven aan de grond gezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 21 juni. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Van de Velden, vertrekt morgen van hier naar Barbados.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 juli. Het Nederlandse barkschip TRIPLEX groot 451 ton nieuwe meting, gebouwd in 1852, is door de makelaar J.J. van de Sande, uit de hand verkocht aan de heer H. Rietveld alhier.


16 juli 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Batavia, 16 juli. Vergunning is verleend aan het stoombootveer te Samarang tot het in de vaart brengen van de stomer HENRIETTA.


17 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 16 juli. Het reeds vermelde schip ZEEHOND, kapt. Datema, hetwelk in de buitenhaven zwaar lek aan de grond werd gezet, is geheel wrak geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 juli. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG II, kapt. Schultz, van Newcastle naar Java, lek te Falmouth terug gekomen. De equipage weigert de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 juli. Uit het wrak van de DAYSTAR, zijn thans in het geheel 795 spoorrails en 1.000 sluitstukken geborgen, De toestand van de zee liet sedert vijf etmalen niet toe de strandingplaats te naderen.


18 juli 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Batavia, 17 juli. Vergunning is verleend aan het praauwenveer te Batavia tot het in de vaart brengen van de stomer ELISABETH.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 juli. Het wrak van het schip ZEEHOND is te IJmuiden verkocht voor NLG 225.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Petersburg, 9 juli. Het Nederlandse stoomschip JUPITER, van hier naar Kroonstad gesleept wordende, is op een bank vastgeraakt, waardoor een schade ten bedrage van Ffr. 5000 is ontstaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, De baar is sedert de 2e in dezelfde staat gebleven, 12 schepen zijn sedert binnen gekomen, waardoor de vrachten nog flauwer zijn geworden. In de haven liggen 17 onbevrachte schepen.


19 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rouaan, 15 juli. De reders van het Engelse stoomschip CALVILLA, van Galatz hier aangekomen, hetwelk het Nederlandse stoomschip COMEET bij Gibraltar in de grond heeft gevaren, hebben aan de rederij van het laatstgenoemde stoomschip GBP 10.000 als schadevergoeding betaald. Het Nederlandse stoomschip COMEET, ex VENDIJSSEL, van de Koninklijke Nederlandse Stoomboot Maatschappij werd 29 september (opm: 1882) bij Gibraltar aangevaren op de reis van Bari naar Amsterdam,


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 9 juni. Vrachten. De oogst is verscheept en er zijn geen nieuwe afsluitingen op te geven. De afdoeningen van Nederlandse schepen zijn: stoomschip CONRAD NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 120 indigo, NLG 90 peper, NLG 67,50 tabak, naar Amsterdam; PRINS ALEXANDER Ffrs. 90 peper, koffie en damar naar Marseille; NEREUS NLG 60 voor een volle lading koffie van Batavia naar Amsterdam.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: VOORLICHTER en CALIFORNIË.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Batjan-Maatschappij bezit, naast planterijen en concessies, de stoomboot BATJAN, waarde NLG 90.000, en de stoombarkas SUCCES, waarde NLG 20.000.
(opm: citaat uit bericht over een emissie dezer maatschappij)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 18 juli. De loodskotter Vlissingen No. 3 is in het Engelse Kanaal door het stoomschip HOLLANDIA aangevaren en daardoor gezonken. De equipage is gered en met gemeld stoomschip te Rotterdam aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 17 juli. Het Nederlandse schip JAN VAN HAAFTEN, kapt. Speenhof, van Cardiff naar Java met stenen en steenkolen, is lek binnen gelopen. De equipage weigerde dienst te doen.


20 juli 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 19 juli. De nieuwe poststoomboot TERSCHELLING kwam hedenmorgen half elf met enige genodigden aan boord alhier aan. Ten elf ure verliet zij weder onder begunstiging van het schoonste weder onze haven, teneinde een zeetochtje te doen, waartoe ook het gemeentebestuur en de directie der Harlinger Stoombootmaatschappij waren uitgenodigd.
Het vaartuig geeft alle reden te mogen hopen dat het de dienst tussen hier en Terschelling naar behoren zal kunnen waarnemen, daar de soliditeit der constructie zowel van schip en machine, duidelijk uitkomt.
Hedenmiddag 2 uur vertrok de stoomboot weer naar Terschelling, om morgen in dienst te worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent de aanvaring van de Vlissingse loodsschoener No.3, gisteren kortelijk gemeld, kunnen nog de volgende bijzonderheden vermeld worden:
Genoemde loodsschoener, gevoerd door de loodsschipper 1ste klasse J.P. Baljé, bevond zich des voormiddags circa half elf ure van de 17de dezer in het Engelse Kanaal, peilend het vuurschip van de Owers NtW miswijzend, liggende Zuid over, bijgedraaid over bakboord, de wind WtN ger. m/z koelte, hoge zee, toen een stoomboot ontwaard werd, komende van om de West. Zij zette blijkbaar koers op de schoener, welke bijgedraaid bleef liggen, vermenende dat een loods verlangd of gepraaid zou worden. De stoomboot was inmiddels zó nabij gekomen, noch van haar koers veranderend, noch haar vaart verminderende, dat de opvarenden van de schoener weldra inzagen dat een aanvaring niet meer te vermijden was. Men beproefde wel op het laatste ogenblik met roer en zeilen deze af te wenden, doch tevergeefs: de stoomboot liep de schoener op de hoogte van zijn fokkewant in de zijde, waarna deze bijna ogenblikkelijk zonk en de uit 7 personen bestaande bemanning nog slechts even de tijd had zich met achterlating van alles wat zij aan boord had, langs toegeworpen lijnen op het stoomschip te redden, hetwelk bleek te zijn de HOLLANDIA, komende van Bilbao, bestemd naar en te huis behorende te Rotterdam.
De geredde bemanning werd door stuurlieden, machinisten en mindere schepelingen der stoomboot, gedurende de overtocht naar Rotterdam, met menslievendheid ontvangen en bejegend. Niet hetzelfde kan gezegd worden van de gezagvoerder De Jong, die van de schipbreukelingen niet de minste notitie heeft genomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Door de heren Green Holland & Sons te Londen is aan de Maatschappij De Maas te Delfshaven opgedragen de bouw van een schroefstoomschip, groot 650 tons gross register. De machines zullen worden vervaardigd in de fabriek van de heren Wigham Richardson & Co. te Newcastle-upon-Tyne.


21 juli 1883


  JB - Javabode

Batavia, 21 juli. Met de uitreis van de LIMBURG heeft de Rotterdamsche Lloyd haar driewekelijkse in een veertiendaagse dienst veranderd, die van hier aanvangen zal op 22 september a.s. De eerste afvaart van genoemde maatschappij had plaats op 26 januari 1873. Dit was het begin van een zeswekelijkse dienst, die later veranderd werd in een maandelijkse, vervolgens in een driewekelijkse, en nu in een veertiendaagse dienst.


  AH - Algemeen Handelsblad

Enige dagen geleden heeft Zr.Ms. stoomschip SUMATRA deze rede verlaten om van Soerabaja uit naar Macassar te verstomen. Thans vernemen wij, dat genoemd oorlogsstoomschip te Soerabaja is aangekomen en bij het Marine Etablissement aldaar in droogdok is opgenomen. Daarna zal het de verdere reis aanvaarden tot aflossing van Zr. Ms. stoomschip WATERGEUS, aan boord van welke bodem, zoals wij reeds vroeger gezegd hebben, de oogziekte epidemisch heersende.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Amsterdamsche Droogdokmaatschappij. Aan houders van obligaties in de lening groot NLG 500.000,-, rentende 4½ %, wordt bericht, dat vanaf 1 augustus ten kantore van de Kasvereeniging betaalbaar is coupon no. 12, vervallende 1 augustus 1883, terwijl ten kantore der maatschappij, Keizersgracht No. 198, vanaf 31 juli en verder alle dinsdagen verkrijgbaar zijn nieuwe bladen coupons, tegen inlevering van de talon.
Amsterdam, 20 juli 1880.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 juli. Het stoomschip SAMARANG, gebouwd voor rekening der Rotterdamsche Lloyd, is 19 juli goed te water gelopen van de werf der heren Raylton Dixon & Co. te Middlesbro’ o/Tees.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 juni. Vrachten. Kenmerkte zich de toestand, in het bericht van de 2e dezer omschreven, door bijna volkomen stilstand van zaken, ook thans kan men van geen verandering van zaken te dien opzichte melding maken. Evenals in het vorige tijdvak werd ook nu een enig charter afgesloten en hiervoor een Nederlands schip tot NLG 60 met koffie naar Nederland opgenomen, hetwelk een verbetering van NLG 5 op de vorige afdoening aantoont. Naar het Kanaal en Amerika hadden geen afdoeningen plaats. Naar Australië bestaat alhier nog geen vraag, doch werden enige schepen vooruitbevracht tot Sh.22/6 per ton op een haven en Sh.25/- op twee havens te beladen.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: VOORLICHTER en CALIFORNIË en de stoomschepen BURGEMEESTER DEN TEX, SUMATRA en UTRECHT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 19 juli. Terschelling heeft in zeker opzicht met een oude traditie gebroken. Gisteren avond circa zes ure kwam de stoomboot TERSCHELLING, bestemd voor post- passagiers en goederenvervoer tussen deze plaats, Vlie, Harlingen en omgekeerd, hier aan. Tal van belangstellenden stonden het stoomschip bij en langs de haven op te wachten. Toen het aan de steiger vast gemeerd lag, werden de ondernemer namens de gemeente Terschelling, bij monde van hare burgemeester een nationale vlag, waarin in de witte baan ’t wapen van Terschelling, en een standaardvlag, in gulden letters de naam Terschelling dragende, aangeboden. Door de ondernemer werd dit blijk van waardering met een toespraak aanvaard, en ogenblikkelijk wapperden beide vlaggen fier in de lucht, terwijl zich van de wal een driewerf herhaald ,,hoera” deed horen.
Tegen heden waren enige ingezetenen uitgenodigd om een pleziertochtje met de boot mede te maken, ten einde zich te overtuigen van de degelijkheid van het vaartuiig, zowel wat comfort als zeewaardigheid betreft. Aan deze uitnodiging werd met gretigheid voldaan, en des morgens acht ure stoomde men de haven van Terschelling uit. Na een oponthoud op de Vlierêe van circa 20 minuten, kwam men half elf in de haven van Harlingen, waar ’t dagelijks bestuur en de voorzitter van de kamer van koophandel met nog enige genodigden aan boord kwamen, en waar de heer Zur Mühlen, bij monde van de waarnemende burgemeesters, werd gecomplimenteerd met zijn onderneming.
Toen stoomde men een eind zeewaarts en kwam langs de Pollen weder te Harlingen aan.
Wat de bouw en de inrichting van dit stoomvaartuig aangaat, is er maar één roep, en die laat zich op in een hulde aan de scheepsbouwmeester, de heer Ceuvel van Amsterdam. Uitwendig ziet het er sierlijk uit en prijkt het aan de steven met het wapen van Noord- Holland. Dat van Amsterdam is aan de plecht aangebracht, terwijl de naam TERSCHELLING stuur- en bakboordzijde siert. De beide kajuiten zijn ruim en naar de eisen des tijds ingericht. De machine is naar de nieuwste constructie vervaardigd en, bij de grootste zuinigheid in kolenverbruik, loopt de boot, zoals heden middag gebeurde, toch in twee uren van Harlingen naar Terschelling.
De ontvangst, die aan de genodigden ten deel viel op dit uitstapje, was hartelijk. De hoofddirecteur der posterijen en de inspecteur der posterijen in dit resort gaven van hunne belangstelling in deze nieuwe postverbinding blijk, door de eerste reis met dit vaartuig mede te maken.
Door de Terschellinger geïnviteerden werd de heer Zur Mühlen een Terschellinger vlag aangeboden, zodat deze vijfbaan zich voortaan op de tocht van dit vaartuig zal ontplooien.
Behoort nu de postschuit tot het verleden en heeft zij plaats moeten maken voor een doelmatiger, negentiende eeuws vervoermiddel, toch zullen de Terschellingers steeds gedachtig blijven de goede diensten, die de vroegere postschipper Tjerk de Haan gedurende tal van jaren aan zijn medeburgers heeft bewezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zr.Ms. schroefstoomschip BONAIRE, onder bevel van kapt.luit.t.zee F.K. Engelbrecht, verliet gisteren namiddag de rede van Texel tot het doen van een tocht naar Noorwegen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De schroefstoomboot FLEVO, dienst doende als postboot tussen Nieuwediep en Texel, werd hedenavond met defecte machine door de sleepboot STAD AMSTERDAM te Nieuwediep binnen gebracht.


22 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Heden is het stoomschip BATAVIA, kapt. G.I. Boon, van hier naar Java vertrokken.
(opm: eerste reis van dit nieuwe stoomschip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 juli. Volgens een alhier bij de rederij ontvangen bericht is gisteren te Sundsvall gearriveerd het schip ALBERTINA AMELIA, kapt. Koudenburg, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan boord stoomschip ZEELAND, 22 mei 1883.
We kwamen woensdag ochtend om twaalf uur aan boord van het stoomschip ZEELAND, dat ons zo wij hopen behouden naar Patria zal voeren.
Een dubbele rij hutten en een ruime luchtige salon zijn op het achterdek gebouwd in een teakhouten huis en boden ons een ruim en prettig logies. Vooral de hutten zijn groot en heerlijk ingericht. Ik geloof dan ook een goede keuze gedaan te hebben, door passage te nemen op deze boot en nu ik heden acht dagen aan boord ben, durf ik met alle vertrouwen het stoomschip ZEELAND der Rotterdamsche Lloyd aanbevelen, als een in alle opzichten hoogst uitstekend ingerichte mailboot.
Onze commandant, de heer Mackenzie, een jong beschaafd Engelsman met een open prettig uiterlijk, blijkt in de omgang een alleraangenaamst persoon; hij spreekt vloeiend Hollands en vergast ons ’s avonds op zijn pianospel en zang.
In het laatste wordt hij geassisteerd door de dokter, een jonge Duitser, die aan een aangename omgang de roep paart van een bekwaam medicus te zijn, en ter vermeerdering zijner kennis enige zeereizen maakt. Met de 1ste officier en 1ste machinist, beide Engelsen die hun best doen zich in het Hollands te oefenen, maken zij de staf uit van onze scheepsmacht en geloof ik dat dit kader wedijveren kan in aangename toon en manieren. De tafel, aan boord een zo gewichtig iets, is goed; ontbijt, luncheon en avondtafel zijn in een woord onverbeterlijk, en zij die zo exquise tafel der Franse mail roemen, mogen gerust hier eens een kijkje komen nemen. Onze kok verstaat zijn kunst goed en laat het zo onaangename vette en voor zeezieken walgelijke van zijn spijzen weg; alles is goed gekruid en heerlijk toebereid. De bediening aan boord is tot nu in alle opzichten voldoende. Nogmaals ik verheug mij over de keuze die ik deed voor mijn overtocht.
Zondag om elf uur stoomden we van Batavia en passeerden om vijf uur Anjer.
Terwijl wij om ruim zes uur aan tafel zaten en de commandant ons met een glas schuimende Roederer een goede en aangename reis wenste, werden we enigszins ontrust door een rommelend geluid; de commandant die dat dadelijk hoorde, ging naar boven, en terwijl ook wij buiten kwamen, zagen we een natuurtoneel, zoals dat geen onzer ooit had aanschouwd.
Varende tussen Poeloe Bezie en Krakatoea in straat Soenda, zagen we boven het laatste eiland een duistere wolk hangen, waarin in alle richtingen de bliksem zich heen en weer bewoog; onophoudelijk was het licht, geen seconde, van de wolk, daarbij een aanhoudend geknetter veroorzakende precies snelvuur. Hoewel angstig was het een gezicht zo prachtig als ik nimmer aanschouwde. Op een afstand van het eiland verrezen hemelhoge waterzuilen, die ons waterhozen toeschenen. Ongeveer een half uur hield dit aan; niemand onzer begreep wat het was, toen eensklaps alles duister werd en we overvallen werden door een alles verstikkende as- en steenregen. Onder het voortdurend geluid der stoomfluit om aanvaring te voorkomen liet de commandant met halve kracht doorstomen, doch toen na enige uren de asregen niet ophield werd met veel spoed weer doorgestoomd om te trachten uit die Egyptische duisternis te komen. Eerst des nachts om drie uur begon er enige helderheid terug te keren.
Inmiddels hadden de kompassen door de elektrische werking van buiten gedurende een vol uur steeds door rondgedraaid en bleken bij nader onderzoek 12º te zijn afgeweken.
’s Ochtends vroeg scheen het gehele schip als met sneeuw bedolven, een dikke aslaag bedekte alles, terwijl het dek en de tenten vol lagen met vuurstenen en stukjes lava waaronder zelfs ter grootte van duiveneieren....


23 juli 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Singapore, 20 juli. Te Middlesborough werd de 21e juni te water gelaten het stoomschip PADANG, voor de Maatschappij Insulinde.


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Batavia, 20 juli. Op Java’s Noordkust en wel bij Menscheneters-eiland is een schip gestrand. Men vermoedt met petroleum voor Soerabaija.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 juli. Bij de Salvage Association is een telegram ontvangen van Lloyd’s agent te Rio de Janeiro van 20 juli. Er is een schip gecharterd om de lading van de SCHIEDAM II naar de bestemming te vervoeren. De Duitse bark GERHARDINE, die de lading reeds aan boord had, begint morgen met de verscheping daarvan.


24 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is heden te Sundsvall gearriveerd, het schip ELISABETH, kapt. Velthuis, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 23 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het schip ORTELIUS, kapt. Jansonius door de Factorij opgenomen voor een volle lading van Java naar Schiedam.


25 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juli. Het Nederlandse schip SLANGEVECHT van Madeira te Falmouth binnen, is nog zwaar lek. De kapitein vraagt orders.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op donderdag 16 augustus 1883, 's avonds te 7 uur, in het hotel De Leeuw te Veendam, ten verzoeke van zijn principaal, tegen contante betaling, publiek verkopen het in het jaar 1879 gebouwde tjalkschip HOOP OP ZEGEN, groot 82 tonnen, met deszelfs compleet opgoed en toebehoren, in voege het thans te Veendam is liggende en tot op heden is bevaren geweest door F. Leij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 14 juli. De Nederlandse schoener ANNA, kapt. Stout, van hier naar Richmond vertrokken om voor Rio Grande te laden, is hier uit zee teruggekomen. De gezagvoerder rapporteert de 11e juli ten ZW-en van Barnegat met het stoomschip A.W. HATHAWAY in aanvaring te zijn geweest, waardoor het schip de boegspriet verloor en de boeg werd ingelopen, waardoor hij genoodzaakt was terug te keren om de geleden schade te herstellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 23 juli. De geborgen lading spoorrails uit de DAYSTAR worden van hier per tjalk naar Amsterdam vervoerd. Het duiken kan nog steeds niet plaats hebben wegens het ruwe weer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penang, 16 juli. Het Nederlandse schip NIEUWE WATERWEG I, kapt. Van den Bos, van Bassein met rijst naar het Kanaal, hier lek binnen gelopen, is onderzocht en moet gedeeltelijk lossen om naar het lek te kunnen zoeken. Zover men kan zien is de lading weinig beschadigd.


26 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 25 juli. Volgens een heden ontvangen telegram uit Telok Betong is het barkschip MARIA, kapt. Schotema, aldaar aangekomen; schip en equipage in de beste welstand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 juli. Volgens een bij de rederij ontvangen telegram is het Nederlandse barkschip PIETER, kapt. Coerkamp, heden van Sundsvall vertrokken met bestemming naar hier.


27 juli 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 25 juli. Volgens hier bij de vereniging van assuradeuren ontvangen telegram is het Nederlandse stoomschip DYLE in ontredderden staat door het volk verlaten en door het stoomschip SCANDINAVIEN in de Noordzee op sleeptouw genomen en te Gothenburg binnengebracht.


28 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het eerste klasse Nederlands barkschip JOHANNA MARIA, kapt. A. Verduin. Adres Hudig & Blokhuijzen, Rotterdam en Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Marseille, 22 juli. Het Nederlandse stoomschip IRENE, de 16e dezer van Carloforte gesleept door twee sleepboten hier binnenkomende, is door een bui uit het NW-en tegen het stoomschip TROUBADOUR geworpen, dat in de Nationale haven geankerd lag. De daardoor ontstane schade is bij schikking voor GBP 250 afgedaan.


  JB - Javabode

Advertentie. Op de 20e oktober 1883 zal in het Vendulokaal te Batavia publiek worden verkocht het djattiehouten rader-stoomschip NIJVERHEID, groot 110 tonnen, met een machine van 45 P.K., in 1880 nagenoeg geheel vernieuwd en opnieuw gekoperd.
Nadere informatiën verkrijgbaar bij J.M. de Heus, Batavia.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Van Den Helder wordt ons het volgende geschreven:
Aan boord van de PRINS VAN ORANJE brak de 11de juli op de reis van Marseille naar Port Said 15 mijl van de kust van Afrika een brand uit. De rook sloeg uit het grote luik, en niemand wist of kon zien waar het zat, in de lading of in de kolen. Alle spuiten en pompen waren in een oogwenk gereed om water te geven en de krachtige waterstralen hadden dan ook spoedig het meest gewenste succes. De lading werd nu gedeeltelijk opgehaald en de verbrande kisten en balen uit het ruim verwijderd. De schade, door de brand veroorzaakt, was nogal groot, en het bleek vrij spoedig dat de oorzaak was: zelfontbranding van een kist zwavelzuur, onder de naam van “droogvrije” verzonden. Had dit ongeval in de Indische Oceaan en bij nacht plaats gehad, dan zouden de gevolgen niet te overzien zijn geweest, De grote kalmte en vlugheid waarmede alles in zijn werk ging waren bewonderenswaardig, en vele passagiers wisten in het eerste uur niet eens wat er gaande was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 25 juli. Heden werd van het etablissement Fop Smit, firma L. Smit & Zoon, met het beste gevolg te water gelaten het raderstoomschip WODAN, bestemd tot sleepboot in dienst der firma L. Smit & Co., en tevens voor ijsbreker ingericht.
Het schip is evenals de machine gebouwd naar de hoogste klasse van de Lloyds, en verder van bijzondere inrichtingen en versterkingen voorzien. De machine, welke vervaardigd wordt bij de heren Diepeveen, Lels & Smit alhier, bestaat uit twee geheel afzonderlijke compound machines met surface condensor, ter gezamenlijke sterkte van 100 paardenkracht, en is van een stoom aanzettoestel voorzien.
Op het dak bevindt zich, behalve een gangspil, een patent- stoom- ankerspil, tevens tot het binnen boord halen der sleeptrossen ingericht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zr.Ms. schroefstoomschip 4e klasse SOMMELSDIJK, in aanbouw bij ’s Rijkswerf te Amsterdam, is zover gereed dat het in de eerste dagen van augustus naar de directie van de Marine te Willemsoord zal worden overgevoerd om langs de gemeten mijl proef te stomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 26 juli. Voor het eerst sedert 15 dagen zijn de duikers weer op het wrak van de DAYSTAR werkzaam geweest. Slechts 36 rails werden geborgen, doordat de zee niet toeliet langer bij het wrak te vertoeven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 26 juli. Het Nederlandse schip GAZELLE, kapt. B. Manje, van Wyborg met hout naar Dordrecht, is op Farö gestrand, vol water gelopen en zal vermoedelijk wrak worden, sleepboten vertrokken derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het wrak van de schoener ZEEHOND, welk schip de 14de jongstleden door windstilte op het Noorderhoofd te IJmuiden is gedreven en daar vastgeraakt, toen afgebracht op strand gezet om zinken te verkomen, en door de reder (het schip was niet geassureerd) voor sloop verkocht, is al geheel uit elkaar; de handen van de slopers vonden gemakkelijk werk, daar de onstuimige zee na de dag van de stranding het vernielingswerk reeds grotendeels had verricht.


29 juli 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 25 juli. Volgens een bij de Admiralty ontvangen brief van 30 mei, is te Hongkong aangekomen de equipage van het schip MATARAM, dat op de Pratas Shoals verongelukt is op 13 mei.


30 juli 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Op de Landswerf alhier wordt een ijzeren instructiekorvet in aanbouw genomen. Een der hellingen wordt daartoe gereed gemaakt. De helling waarop het klein gedeelte van het schroefstoomschip 1e klasse KORTENAER lag, dat verwoest is door de brand, is weder geheel opgeruimd en zo goed als gereed voor de aanbouw van het nieuwe schroefstoomschip 1e klasse.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 28 juli. Volgens een telegram is het schip MARGARETHA CATHARINA , kapt. Panjer, van Memel naar Harlingen bestemd, heden vol water en met verlies van een gedeelte van de deklast te Stolpemünde binnen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De naamloze vennootschap Rotterdamsche Lloyd, gevestigd te Rotterdam, heeft ten doel: de vracht- en passagiersvaart met eigen stoomschepen op Nederlandsch- Indië, alsmede de vrachtvaart op andere havens, en verder alle zodanige verrichtingen als kunnen dienen om aan de schepen behoorlijke vracht te bezorgen. Zij wordt aangegaan voor 25 jaren, in te gaan zodra op de aandelen minstens 10 % van het gemeenschappelijk kapitaal zal zijn gestort. Het kapitaal wordt bepaald op 8 miljoen gulden, in aandelen van NLG 500; voorlopig kunnen daarvan slechts 4 miljoen worden uitgegeven, maar vóór het einde van 1888 moet de rest geplaatst zijn. De aandelen worden gefourneerd in geld of door inbreng van stoomschepen. Voor het aangaan van geldleningen is een besluit van een algemene vergadering nodig. Twee aandelen geven recht op één stem. Voor de eerste maal zijn benoemd, tot directeur: de firma W. Ruys en Zonen te Rotterdam, tot commissarissen de heren mr. J. v. Gennip, mr. M. Mees en H. J. Rauws. Door de oprichters is deelgenomen voor 3660 aandelen = NLG 1.830.000.
(opm: uit de goedkeuringsacte Rotterdamsche Lloyd, gepubliceerd in de Staats Courant)


31 juli 1883


  JB - Javabode

Advertentie. Aan aandeelhouders van het Bataviaasch Tjunia Veer wordt kennis gegeven, dat in de op gisteren gehouden algemene vergadering het dividend over het 19e boekjaar is vastgesteld op 12½ % of NLG 125 per aandeel, waarover dagelijks ten kantore van het Veer beschikt kan worden. Tevens werd besloten tot afbetaling van NLG 150 op ieder aandeel, waarvoor de aandelen bij het Veer worden ingewacht om de betaling daarop af te tekenen. De aftredend directeur, de heer W. Suermondt Wzn., werd herkozen, terwijl tot mede-directeur is benoemd de heer J.A. Schröder.
Batava, 31 juli, de administrateur, C.J.A.R. Reckers


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 25 juli. Het schip DIRKJE, kapt. Poort, hetwelk op 23 juli van hier naar zee vertrok, is heden met schade aan de zeilen uit zee teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, 28 juli. Heden is van de werf ‘De Hoop’ van de heer C. van der Giessen met het beste gevolg te water gelaten een ijzeren Rijnschip (opm: ANNA MARIA), groot 300 last, gebouwd voor rekening van de heer G. Kehl te Nierstein.
Daarna werd de kiel gelegd voor een dergelijk vaartuig (opm: LEENTJE), groot 200 last, voor rekening van de heer Ph. Schäfer te Gernsheim.


01 augustus 1883


  JB - Javabode

Men heeft de beleefdheid gehad ons toe te zenden the Glasgow News van 28 juni jl. waarin gewag gemaakt wordt van het te water laten te Greenock van het schroefstoomschip GOUVERNEUR GENERAAL ‘S JACOB, gebouwd voor rekening van de Nederlandsch Indische Stoomvaartmaatschappij en bestemd door de Indische dienst. Het schip zal een sieraad worden van de reeds zo schone vloot dier maatschappij. Bij de inwendige bouw is in alle opzichten rekening gehouden met de eisen van het tropisch klimaat en met bijzondere zorg is voor een goede ventilatie zorg gedragen. De afmetingen van het schip zijn, lengte 285 voet, breedte 37 voet, diepte 25 voet, terwijl het ruimte bevat voor 32 eerste klasse passagiers in het achterdek en voor 16 tweede klasse passagiers. De stomer is verder voorzien van 6 boten en een steamlaunch en loopt 15 knopen.
Met het toezicht bij de bouw is belast geweest kapt. Van Emmerik, wiens jongste dochter het schip op de gebruikelijke wijze gedoopt heeft.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 30 juli. Zaterdagavond is hier aangebracht de zilveren plaat, waarop No. 6, Delfzijl, afkomstig van het op de Tesselse kust aangespoelde lijk, dat bij onderzoek bleek te zijn het lijk van de loods W. Sinjewel, op de 10e januari l.l. met het schip HOOP, kapt. Douwes, van hier naar Southampton vertrokken en, naar luid van ingekomen berichten, op de Engelse kust met man en muis al moet zijn vergaan, hetgeen uit de aanspoeling van het naambord waarheid blijkt te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 juli. Ondanks het minder gunstige weer, is het de bergers van de lading uit de DAYSTAR heden gelukt weder 38 spoorrails te bergen. Wegens hevige toenemende branding bij het wrak kon men niet langer werkzaam zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 juli. Volgens een particulier telegram uit Batavia van heden is het Nederlandse schip BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAEL, kapt. Schneider, voor een volle lading gouvernementskoffie naar Nederland, gecharterd tot een vracht van NLG 70.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het heden in de vergadering van aandeelhouders te Amsterdam uitgebracht verslag der
Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij over het boekjaar 1883, vermeldt een verlies op de exploitatie- rekening van NLG 27.114.
Het dok op het eiland Amsterdam was slechts 132 dagen bezet door elf vaartuigen, waarvan drie zeilschepen; een daarvan onderging een belangrijke herstelling; het overige bepaalde zich meest tot weinig beduidende voorzieningen aan kleine vaartuigen. De oorzaken dezer ongunstige uitkomsten zijn vooral de kleinere afmetingen van het dok en het gering aantal der te Batavia in averij binnengekomen schepen welke in het dok konden worden opgenomen. De directie te Batavia is voorzien van instructies voor het voeren van onderhandelingen met de regering over de exploitatie van het dok te Tandjong Priok en een eventuele overneming van het dok op Amsterdam. Een beslissing daarover is nog niet genomen. Rekening en verslag werden goedgekeurd. Tot commissarissen werden herkozen de heren Bienfait en Hartsen.
Een aandeelhouder vroeg of het dok niet op een andere plaats voordeliger geëxploiteerd kon worden. Het antwoord luidt dat deze verplaatsing grote uitgaven zou vorderen.
Het beste middel zou zijn, indien men daartoe in staat was het dok een paar honderd voet te verlengen. De exploitatie zou dan waarschijnlijk ook te Batavia met voordeel kunnen geschieden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 30 juli. Heden werd van de werf der heren J. & K. Smit alhier met goed gevolg te water gelaten de stoomboot TILBURY, gebouwd voor rekening van de London, Tilbury and Southend Railway Co. te Londen. De machines worden vervaardigd in de fabriek van de heren John Penn & Sons te Greenwich.


02 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 1 augustus. Volgens een ontvangen telegram is het fregatschip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, gisteren van Falmouth naar Greenock vertrokken, om aldaar te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 juni. Vrachten. Er is iets meer vraag voor scheepsruimte, nu de nieuwe suiker-oogst binnenkomt. Bevracht werden het Nederlandse stoomschip UTRECHT NLG 85 voor Gouvernements- en NLG 90 voor particuliere koffie per last naar Rotterdam, en de VOORLICHTER een volle lading Gouvernements-koffie tot NLG 60 per last naar Middelburg.
Het enige Nederlandse schip lossend en onbevracht is de CALIFORNIË.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam,1 augustus. Volgens een heden ontvangen telegram is het Nederlandse schip MARIE EN ANTOINETTE te Fiume van Philadelphia aangekomen. Aan boord alles wel.


03 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Na de brand van de schepen op de marinewerf te Amsterdam werd het verbrande en verkoolde hout verkocht. Slechts één inschrijver daagde op, die een kleine som bood.
Nadat hij in het bezit van het gekochte was bleek, dat er honderd balken van zeer kostbaar materieel onder waren en de opbrengst van een deel van het hout vijf-, zesmaal de inschrijvingsprijs overtrof.
Zo deelt de Amsterdammer mede en de Echo verhaalt hetzelfde omtrent de ijzeren platen en staven. Zelfs stoomwerktuigen van grote waarde zijn, wegens kleine defecten, als onbruikbaar er bijgevoegd. Ook dat blad gewaagt van het splinternieuwe ongediende hout, dat voor bijna geen geld verkocht werd, terwijl blokken beneden de meter op de koop werden gegeven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 augustus. De lading van het hier met schade binnen gelopen schip SCHIEDAM II, van de Plata rivier naar Falmouth voor order, is in goede staat gelost en opgeslagen. De 21e juli zou het Duitse schip GERHARDINE beginnende lading in te nemen, met bestemming naar Falmouth.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 augustus. Het te Falmouth voor de tweede keer lek binnen gelopen schip NIEUWE WATERWEG II, van Newcastle naar Java, vertoont weinig werking boven de waterlijn, doch het koper is op 2 of 3 plaatsen gerimpeld. De gezagvoerder rapporteert zeer slecht weder doorgestaan te hebben met hoge zee, waardoor het schip lek sprong, op zee maakte het schip 4½ duim water per uur, zodat men de pompen voortdurend moest gaande houden. In de haven maakt het nog 1½ duim water per uur. Men heeft besloten dat het schip te Plymouth gerepareerd zal worden, waar het schip reeds gearriveerd is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 2 augustus. Bij onderzoek van het schip JAN VAN HAAFTEN, van Cardiff naar Java, lek te Falmouth binnen gelopen, is gebleken dat het schip zwaar ontzet is, het koper erg gerimpeld en dat vele bladen verloren zijn. Volgens een rapport van de gezagvoerder maakte het op zee 4½ duim water per uur en in de haven nog 1½ duim per uur. Het schip zal lossen en te Falmouth repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 1 juli. De staat van de baar is zeer voldoende. Een schip passeerde de baar inkomende met 15 Braziliaanse palmen (bijna elf Engelse voet), doch dit is een bijzonderheid. Schepen 10 voet diep liggende en inkomende 9¾ voet uitgaande, hebben voor de baar weinig oponthoud te vrezen. In juni zijn 52 schepen binnen gekomen en 74 vertrokken. De vrachtenmarkt was stil en er is weinig vraag voor scheepsruimte naar Europa. Voor zoute vellen werd 40 shilling per ton naar het Kanaal voor order betaald. Onder anderen werd de HENDRIKA, kapt. Hazewinkel bevracht voor 1.800 milreis naar Pernambuco met produkten.


04 augustus 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 3 augustus. Het Nederlandse schip OMEGA, kapt. De Boer, is door de makelaar J.J. van den Sande uit de hand verkocht aan kapt. Peter Fr. Seetzen van Elsfleth (Oldenburg)


  AH - Algemeen Handelsblad

Londen, 2 augustus. De lading van het te Rio Janeiro met schade binnengelopen schip SCHIEDAM II, kapt. Nagel, van de Plata rivier naar Falmouth voor order, is in goede staat gelost en opgeslagen. De 21e juli zou het Duitse schip GERHARDINE beginnen die lading in te nemen met bestemming naar Falmouth.
Volgens later ontvangen bericht, is het schip afgekeurd, daar de reparatiekosten de waarde verre overtroffen. Het schip zal spoedig worden verkocht.


  MB - Morgenbladet

Visby, 26 Juli. Het Nederlandse schip GAZELLE, kapt. Manje (opm: brik GAZELLE, ex ACCRA, ex ADOLF STRANZEN, kapt. H.B. Manje), van Wiborg met hout naar Dordrecht, is bij Farö gestrand, met water vervuld en wordt waarschijnlijk wrak. Een bergingsschip is naar de plaats vertrokken om dezelve te assisteren.
(opm: de GAZELLE is niet meer afgekomen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 3 augustus. Het personenverkeer over de route Vlissingen-Queenboro’-Londen vice versa blijft toenemen. Vooral van en naar Noord- Duitsland maken vele reizigers van deze route gebruik.
In de afgelopen maand bedroeg het aantal der met de stoomschepen der maatschappij Zeeland vervoerde passagiers: van Vlissingen naar Queenboro’ 3851, van Queenboro’ naar Vlissingen 4461, te samen 8312 of 458 meer dan in dezelfde maand van het vorige jaar.
Als bewijs hoezeer deze route boven andere door het reizend publiek wordt verkozen, moge dienen, dat, terwijl de Great Eastern Company, die reeds sedert 1863 bestaat, in het afgelopen jaar langs twee lijnen (Harwich-Rotterdam en Harwich-Antwerpen) ruim 80.000 reizigers vervoerde, de maatschappij Zeeland in acht jaren het aantal harer passagiers zodanig zag klimmen, dat het over 1882 méér dan 70.000 bedroeg, over hare enige lijn Vlissingen-Queenboro’. In de eerste 7 maanden van 1883 bedroeg het aantal vervoerde passagiers weder over 2000 méér dan in hetzelfde tijdvak van 1882.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 31 juli. Het alhier binnen gekomen Nederlandse schip VERTROUWEN, kapt. De Vries, heeft order bekomen naar Yarmouth.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro. Het afgekeurde schip SCHIEDAM II zal binnenkort in publieke veiling verkocht worden.


05 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juni. Vrachten. Sedert het laatste bericht van de 16e dezer bleef de markt vast en was er enigszins meer vraag naar schepen. Naar Nederland werden door de Factorij twee schepen voor een volle lading koffie opgenomen tot NLG 60; particuliere lading blijft schaars. Naar het Kanaal werd een schip afgedaan tot GBP 2.7/6 voor suiker en komt er in die richting iets meer vraag. Naar Amerika wordt ruimte gezocht voor koffie uit de jongste veiling en zullen spoedig enige afdoeningen te vermelden zijn. Naar Australië werd een schip bevracht met suiker tot GBP 1.2/6 naar Sydney.
De afdoeningen van Nederlandse schepen zijn: CALIFORNIË à NLG 60 voor 12.000 pikols Gouvernements-koffie naar Dordrecht, vult op met tabak à NLG 37,50; stoomschip BURGEMEESTER DEN TEX NLG 90 koffie, NLG 100 huiden, NLG 67,50 tabak NLG 40 tin naar Amsterdam en NLG 70 suiker naar Marseille.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: alleen de stoomschepen SUMATRA en NOORD-HOLLAND.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lekkerkerk, 3 augustus. Van de werf van de heer S. van Duijvendijk is te water gelaten een ijzeren boeier, gebouwd voor rekening van de heer A. Wemmers, en de kiel gelegd van een ijzeren boeierjacht voor rekening van de heer W. van der Hek te Bergambacht, bestemd voor beurtschip op Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkoping van schepen. Het Nederlandse stoomschip PRINS ALEXANDER DER NEDERLANDEN , groot 265 ton, gebouwd in 1879, is door tussenkomst van de heren Meijer & Co. uit de hand naar Engeland verkocht.
(opm: een Zuiderzee-stoomschip zonder zeebrief)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De bij Fårö gestrande Nederlandse brik GAZELLE is totaal wrak verklaard. Het vaartuig ligt met de kiel naar boven en de zich aan boord bevindende scheepslading zal naar alle waarschijnlijkheid met moeite kunnen worden geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heiligenhafen, 2 augustus. Heden werd hier door de Nederlandse tjalk GEERTJE, kapt. Alberts, geland kapt. Mörkman en drie man, uitmakende de bemanning van de Zweedse sloep SVALAN, van Köping met ijzer naar Ronneby bestemd, welk schip tussen Kap Arkona en Bornholm gezonken is. Kapt. Mörkman is zeer ziek, doch de equipage is welvarend en zal over Lübeck huiswaarts gezonden worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juni. Het Amerikaanse schip MATCHLESS, komende van Ilo-Ilo, stootte ongeveer 40 dagen geleden op Wrights klip. De kapt. wilde Anjer aandoen, daar het schip zwaar lek geworden was, doch door stilte en zware stroom van het Zuidwesten kon hij die haven niet bereiken, en besloot toen bij Tamarinda eiland ten anker te gaan. Aldaar aangekomen heeft hij getracht door pompen het schip zo lang mogelijk boven water te houden, doch het zonk reeds de 18de juni, kort nadat de bemanning het schip verlaten had, en wel vroeger dan hij verwacht had. Het wrak bracht op publieke vendutie NLG 5 op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 augustus. Volgens een particulier bericht is het Nederlandse schip ARGO, kapt. Mensonides, van Harlingen, heden te Riga aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juni. Het Nederlandse schip AUGUSTE, kapt. Hoffman, is alhier lek van Macassar aangekomen en moet de lading lossen om nagezien en gerepareerd te worden.


06 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 augustus. Gedurende het tijdvak, lopende over de zeven eerste maanden van 1883, kwamen plm. 50 schepen minder aan in deze haven dan over hetzelfde tijdsverloop in 1882, en vertrokken plm. 30 schepen minder; de inhoud in m³ ging echter desniettemin vooruit en was over genoemd tijdvak in 1883 voor inkomende schepen plm. 21.000 m³ meer en voor uitgaande schepen ruim 60.000 m³ meer; waaruit duidelijk volgt dat het charter der schepen, deze haven bevarende, steeds groter en groter wordt; wat hier in kwantiteit achteruit gaat wordt door de kwaliteit meer dan vergoed. Voor de diepstgaande schepen is er dan ook water genoeg; sedert een paar dagen is geconstateerd, dat bij Amsterdams Peil in de buitenhaven 85 decimeter water staat, zodat bij hoog water soms 90 à 92 decimeter wordt geseind van de Semaphore. – Wanneer dus ook dit gunstig resultaat mocht worden bereikt in het Kanaal naar Amsterdam, is de zeeweg naar Amsterdam de beste van het vasteland. Jammer is het, dat schepen van meer dan 67 decimeter diepgang nog niet kunnen doorvaren, maar lichten moeten, doch ook hierin zal de tijd wel verbetering brengen, de uitbaggering wordt steeds met ijver voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

San Francisco (per telegram). Het Nederlandse barkschip HELENA, kapt. Oosterhuis, is in aanvaring geweest met het schip MEIJER, dat geen schade bekwam. Eerstgenoemd schip had lichte schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juni. Het Nederlandse schip AUGUSTE, kapt. Hoffman, van Macassar naar Amsterdam, alhier lek binnen, moest de lading lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notaris J.A. de Wolff te Vlissingen zal op vrijdag 10 augustus 1883, des namiddags drie ure, ten verzoeke van kapt. Otto Färdig, in het koffiehuis De Beurs aldaar, tegen contante betaling, presenteren te verkopen het Russisch brikschip ELISABETH, groot 336 register ton, met de nog aan boord aanwezige inventaris, in de staat waarin het is liggende in de 2de Binnenhaven te Vlissingen.
Informatiën te bekomen bij de genoemde kapitein; de heer H.J.A. Telghuijs, Agent der Assuradeuren te Antwerpen; de heren De Groof en Co., cargadoors te Vlissingen, en bij de genoemde notaris.


07 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 6 augustus. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip MARGUÉRITE LOUISE REGINE, kapt. Van de Meer, 5 dezer van Dordrecht te Sundsvall aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 6 augustus. Volgens een heden ontvangen telegram van Greenock was het fregatschip BURGEMEESTER SCHORER, kapt. Zweede, gisteravond behouden aldaar aangekomen.


08 augustus 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Soerabaija, 8 augustus. Zr.Ms. stomer BANDJERMASSING, commandant luit.t.zee 1e klasse H.L. Cadet, heeft in de nabijheid der Lucy-baai gestoten en is tot reparatie der averij gisteren avond alhier binnen gelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 6 augustus. Heden arriveerde te Ymuiden het stoomschip MACASSAR, kapt. De Ridder, zijnde het eerste stoomschip voor rekening van de Stoomvaart-Maatschappij Insulinde in Engeland gebouwd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 6 augustus. Als vermeldingswaardige korte reizen dient, dat het schip BOTHNIA, kapt. Alta, in 29, en het schip ALEGONDA JACOBA, kapt. Ebes, in 30 dagen, de reis van Harlingen naar Sundsvall en terug hebben volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zr.Ms. schroefstoomschip 4e klasse SOMMELSDIJK, dat eerstdaags van ’s Rijks werf te Amsterdam naar de directie der marine te Willemsoord zal worden overgevoerd om aldaar getuigd te worden en langs de gemeten mijl te proefstomen, zal vervolgens worden voorzien van een centraalkiel. Daarna zal genoemd vaartuig naar Hellevoetsluis worden overgebracht om aldaar in conservatie te worden opgenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 augustus. Van de scheepswerf der Koninklijke Fabriek van Stoom en Andere Werktuigen, directeur de heer J.M. van der Made, zal morgen ten 3½ uur te water worden gelaten het stoomschip NEDERLAND EN ORANJE voor de Stoomvaart-Maatschappij Insulinde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 augustus. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is gisteren te Sundsvall gearriveerd het schip STAD STEENWIJK, kapt. Houwink van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 7 augustus Gisteren werden hier weer 55 spoorrails benevens 75 vadem ketting aangebracht door de bergers uit het wrak DAYSTAR. Heden kan men weer niet werken wegens de hevigheid van de branding.


09 augustus 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Cadix, 1 augustus. Vrachten. Sedert het laatste bericht zijn van hier gecharterd o.a. de Nederlandse schepen ANNA, de 2e juli met 84 last zout naar Pelotas en ACADIE, de 15e juli met 118 last naar Vlaardingen vertrokken. Het Nederlandse schip ARCHIPEL is bezig met laden. Naar Rio Grande, Rio Janeiro en la Plata wordt scheepruimte gevraagd tegen goede vrachten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 augustus. Bij de Salvage Association is het volgende bericht ontvangen: GERHARDINE zal binnen enige dagen vertrekken. Het bedrag der averij-onkosten, door de lading te dragen is GBP 1.091. Antwoord dadelijk per telegram.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 8 augustus. Het stoomschip PRINSES MARIE van de Maatschappij Zeeland, vertrok hedenochtend buitenom naar Rotterdam, teneinde te Fijenoord herstellingen te ondergaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 augustus. De lading van het Nederlandse schip NOACH IV, van Batavia gekomen, is te Liverpool verkocht à 23 shilling per 10½ cwt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 augustus. Heden ten half vijf, een uur later dan men verwacht had, is op de scheepswerf aan het eind der Oostenburgerstraat met goed gevolg van stapel gelopen het stoomschip NEDERLAND EN ORANJE van de Stoomvaart-Maatschappij Insulinde, gebouwd aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen, directeur
de heer J. M. van der Made. De minister van koloniën was op het terrein, doch kon bij gebrek aan tijd niet van de afloop getuige zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan het Matrozen-Instituut te Amsterdam is heden in bruikleen afgegeven de instructiebrik ZEEHOND, waartoe genoemd vaartuig heden ochtend per sleepboot derwaarts van Hellevoetsluis overgebracht is.


10 augustus 1883


  SH - Soerabaijasch Handelsblad

Advertentie. De directeur van het Marine Etablissement te Soerabaija maakt bekend, dat op zaterdag de 25e augustus 1883, des voormiddags ten 9 uur, aan genoemd etablissement in het openbaar zullen worden verkocht de voor de dienst afgekeurde oorlogsstomer WATERGEUS, de stoomketel van de Gouvernements stomer TAGAL, houtwerken en inventartisgoederen. Bedoelde stomer wordt zonder voorwaarde van afbraak verkocht.
De directeur voornoemd, E. de Stuers


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 8 augustus. Van de werf van de scheepsbouwmeester W. van der Windt alhier is heden met goed gevolg te water gelaten de sloep HENDRIKA ADRIANA, bestemd voor de beugvisserij, voor rekening van de firma Wed. Corn. Kolff & Zoon te Middelharnis, zullende gevoerd worden door stuurman L. Koster.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rosario, 1 juli. De Nederlandse schoener JANTJE werd hier bevracht voor het Kanaal om order tot 40 shilling en 5% voor zoute vellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 juni. Het schip AUGUSTE, kapt. Hofman, van Macassar naar Amsterdam, lek hier aangekomen, had 8 voet water in het ruim. De lading wordt zo snel mogelijk gelost. De lading uit het tussendek is tot dusverre nog in droge staat opgekomen.


11 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 10 augustus. Gisteren zijn bij het eiland Urk twee vaartuigen, zwaar geladen met steenkolen, komende van Amsterdam en bestemd naar Friesland, op de Vormt bewesten dit eiland geraakt; de vaartuigen zijn beide na verloop van 5 à 6 uur totaal uitelkander geslagen. De bemanning der ene, bestaande uit schipper, vrouw, zoon en 3 dochters; die der andere uit schipper, vrouw en 3 jonge kinderen, zijn gered en hier aan wal gebracht. De namen der schippers zijn Hendrik Otten en Jan Otten, zijnde vader en zoon.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.B. Pas is verhuisd van Bolnes naar IJselmonde No.211.
(opm: dit is waarschijnlijk de scheepssloper)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lemmer, 9 augustus. In de afgelopen nacht woedde hier een storm; in de Zuiderzee bij Oudemirdum is een schip vergaan en hier wrakhout van een tjalkschip aangedreven. Ook onder Kuinre moet een schip verongelukt zijn. Nadere bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port de Frioul, Marseille, 8 augustus. Al de passagiers van het stoomschip BURGEMEESTER DEN TEX, kapt. Graadt van Roggen, van Java naar Amsterdam, hebben besloten met het stoomschip de reis naar Amsterdam te vervolgen, zodat niemand te Marseille geland is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 10 augustus. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht is heden te Sundsvall gearriveerd het schip NICOLAAS, kapt. Burghout, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 10 augustus. Het schip ONDERNEMING, kapt. Pedersen, van Grimsby naar Harlingen, is met gescheurde zeilen, verlies van anker en ketting, alhier binnen gesleept door de Loodskotter No. 7.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 10 augustus. Heden werd van het etablissement Fop Smit, firma L. Smit & Zoon, met het beste gevolg te water gelaten de sleep-schroefboot COLONIA III, gebouwd voor rekening der Kölnische Dampfschleppschifffahrt Gesellschaft te Köln. De compound machines van gezamenlijke sterkte van 70 pk werden vervaardigd in de fabriek van de heren Escher Wijss & Co. te Zürich.
Daarna werden de kielen gelegd van een Rijn- schroefboot van circa 200 last voor rekening van de Bad. Schraubendampfschifffahrts Gesellschaft te Mannheim en van een stalen raderboot voor de Preusische Rheinsche Dampfschiffahrt Gesellschaft te Keulen.


12 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 10 augustus. De Nederlandse Loodskotter No.4 is te Dover ter rede aangekomen met schade aan het roer. Het heeft bij Folkestone op het strand gezeten en zal met volgende tij in het dok komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 augustus. Aan boord van het Nederlandse stoomschip IRENE is gisteravond omstreeks 10 uur brand ontstaan, die door de werking van 1 hand- en 2 stoomspuiten en een bootje van de stoomsleep en drinkwaterdienst, gezagvoerder Mulder, omstreeks 11 uur geblust was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geveilde schepen te Vlissingen op vrijdag 10 augustus: het Russische brikschip ELISABETH, in averij, groot 336 ton: NLG 1.775. Koper Ch. de Groof te Vlissingen.
(opm: zie advertentie NRC 060883)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gisteren zijn twee locomobielen en een stoomboot begonnen om het aan de oostpunt van Rozenburg gezonken stoomschip ETHELWIN leeg te pompen; de kuipen zijn thans gereed en de ruimte tussenin geheel met klei gevuld. Op de plaats waar het schip gezonken is staat 42 voet water.


14 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 augustus. Zaterdag j.l. is met goed gevolg te water gelaten van de werf van de scheepsbouwmeester J.W. Bodewes te Foxholsterbosch, het tjalkschip genaamd ELIZABETH, groot 125 tonnen, zullende bevaren worden door schipper B. de Vries van Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 10 augustus. Het stoomschip ZAANDAM, kapt. Chevalier, de 1ste dezer van hier naar Amsterdam vertrokken, is heden met schade aan de machine uit zee teruggekeerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te huur of te koop de raderstoomboot QUAKERNAAT II, voor passagiers, goederen en vee, geschikt voor de Zeeuwse stromen en de Zuiderzee, groot 119 ton, diepgang 4¼, lengte 125, breedte 32 Engelse voet.
Inlichtingen worden op aanvrage verstrekt door de heer P.L. Slis, scheepsreder te Middelharnis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 13 augustus. Heden is met het beste gevolg van de fabriek der Koninklijke Maatschappij De Schelde te water gelopen de stalen salonboot LUCTOR ET EMERGO, voor rekening van de heer G. Alberts Lzn., te Middelburg, en bestemd voor de dienst der stoombarges op het kanaal tussen Middelburg en deze stad, meer bepaald voor een sneldienst, daar deze boot niet aan de tussen- stations zal stoppen.
De stoomketel en de machine worden mede aan de fabriek De Schelde vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 augustus. Heden middag ten 1¾ ure kwam, door vijf sleepboten voortbewogen, het eerste gedeelte van het ijzeren drijvend droogdok voor de stad aan, na ten half twaalf de werf van de heren F. Kloos & Zonen te Kinderdijk, bij wie het vervaardigd is, te hebben verlaten. Reeds dit eerste gedeelte is een kolossaal gevaarte, 90 meter lang, 27,50 meter breed en 10,50 meter hoog. Het is voorzien van twee centrifugaalpompen en weegt bijeen meer dan drie miljoen kilo. Ter hoogte van de Oosterkade kwam de reusachtige klomp metaal ten anker om het einde van de eb af te wachten, waarna men het gevaarte tot op acht meter diepgang zal laten zinken, teneinde het vervolgens bij stil water onder de Spoorbrug en de Willemsbrug te laten doorgaan.
Het tweede gedeelte van het dok, dat bij gelijke breedte en hoogte 48 meter lang zal zijn, komt, naar wij vernemen, voor het eind dezer maand gereed.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 augustus. Volgens een bij de rederij ontvangen bericht lag het Nederlandse schip MARGUÉRITE LOUISE REGINE, kapt. van de Meer, de 12de dezer te Sundsvall zeilklaar met bestemming naar hier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 augustus. Volgens een particulier telegram is het schip NOACH I, kapt. De Looze, behouden op Java aangekomen.


15 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 13 augustus. Volgens zaterdag ontvangen telegram van Riga, arriveerde aldaar het schip ALFRED & MARIE, kapt. Valom, komende van Burntisland. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 14 augustus. Volgens een telegram uit Dover is het schip HILLECHIENA, kapt. Gransbergen, de 10de augustus van Delfzijl vertrokken naar Sundsvall, in de Noordzee gezonken. De bemanning is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 juli. Kapt. De Boer voerende het Nederlandse schoenerschip ADELAAR, van Hernösand heden alhier aangekomen, rapporteert de 27e juli op de hoogte van Uterklipperne te hebben ontmoet het Zweedse jacht EDDA, van Degerhamn, welk vaartuig in zeer ontredderde toestand verkeerde met slechts één man van de equipage aan boord, daar de kapitein door een stortzee overboord was geslagen. Het vaartuig is door kapt. De Boer de 29e juli behouden te Ystad binnen gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Volgens een telegram is het Nederlandse schip MARY, kapt. Pijl, 15 mei met een lading steenkolen van Cardiff vertrokken, na een reis van 88 dagen behouden te Anjer voor orders aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Greenock, 13 augustus. Het stoomschip GOUVERNEUR-GENERAAL ’S JACOB geraakte bij het afvaren der rivier (opm: de Clyde) in aanvaring met het bij de Tail of the Bank ten anker liggende barkschip ALLINE, hetwelk daardoor een groot gat in het stuurboordsachter-
schip boven de waterlijn kreeg. Het stoomschip leed geen schade.
(opm: een aan de Clyde gebouwd stoomschip voor rekening van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 juli. De vrachten zijn vaster nu de suikeroogst goed binnenkomt. Het Nederlandse stoomschip NOORD-HOLLAND sloot koffie tot NLG 90, tin tot NLG 50, indigo tot NLG 120, tabak tot NLG 67,50, huiden tot NLG 100 per last naar Rotterdam.
Het enige lossende en onbevrachte Nederlandse schip is de ORTELIUS.


16 augustus 1883


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 15 augustus. Het stoomschip WILLIAM HARTMANN schuurt steeds dichter naar het wrak van de FENHAM; de equipage werd door de reddingboot afgehaald, die echter omsloeg en tegen het noorderhoofd werd verbrijzeld; allen, behalve de loods en vijf man van het stoomschip, werden gered.


  JB - Javabode

Batavia, 16 augustus. Gisteren is hier het telegrafisch bericht ontvangen, dat de stomer BARON MACKAY van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, op reis van Soerabaija naar Singapore, in de straat van Karimata op een klip gelopen en vergaan is. De opvarenden zijn, naar wij vernemen, gered. Aan boord bevond zich slechts één passagier, de hoofd-machinist van genoemde maatschappij. Nadere bijzonderheden ontbreken en kunnen eerst bij aankomst alhier van de gezagvoerder over een paar dagen worden verstrekt.
De Straat Karimata vornt tussen Billiton en Borneo de gemeenschap tussen de Chinese en de Java-Zee. Verscheidene eilandengroepen liggen in die straat. Alleen de Karimata-groep bestaat uit meer dan 60 eilandjes. Sommige dezer eilanden zijn schaars bevolkt, andere onbewoond.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 augustus. Volgens telegram uit Londen alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen is het Nederlands galjootschip HEINRICH, van Petersburg, in aanvaring geweest, en lek te Kopenhagen binnengelopen; het moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 1 augustus. Het Nederlandse schip ANNA, kapt. L.G. Stuut, van hier naar Richmond met schade door aanvaring uit zee terug, heeft nieuwe verschansingen en stutten, een nieuwe kluiverboom en boegband gekregen en zal binnen weinige dagen gereed zijn om de reis voort te zetten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 15 augustus. Het Engelse stoomschip WILLIAM HARTMANN, met kopererts van Huelva voor Rotterdam, is op de Westbaar tussen de zwarte ton en het wrak van de FENHAM vastgevaren en met dit getijde niet vlot gekomen; de sleepboten ZIERIKZEE en ROTTERDAM hebben tevergeefs geassisteerd; reddingsboten van de Hoek van Holland en Maassluis zijn daarheen vertrokken. De toestand van het stoomschip is gevaarlijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vegesack, 14 augustus. De schoener DIE HOFFNUNG, kapt. Meijer, van Bremen naar Stettin, welke nabij Blumenthal in het vaarwater aan de grond zat, is door de Nederlandse tjalk JANTINE MARGARETHE, kapt. De Winter aangevaren. De HOFFNUNG, die hier binnen gelopen is , heeft de bezaansmast gebroken en belangrijke schade aan dek opgelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 14 augustus. Het Nederlandse schip NICOLAAS, kapt. Rijf, van Windau herwaarts, te Kopenhagen afgekeurd, is in veiling voor 1.410 kronen verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 14 augustus. De Nederlandse schoener HILLECHIENA, kapt. Gransbergen, van Delfzijl naar Sundsvall had op de 11e augustus, omstreeks de middag, op 56º10’ NB 6º55’ OL op iets gestoten, waardoor het schip zo zwaar lek werd, dat men het met de pomp niet lens kon houden en men genoodzaakt was om het om 3 uur des namiddags in zinkende toestand te verlaten. De gezagvoerder en de uit vijf man bestaande equipage werden door het stoomschip GRANVILLE, kapt. Dobinson, van Uleaborg herwaarts bestemd, opgenomen en hier heden geland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 augustus. Uit het wrak van de DAYSTAR werden heden weder 80 rails geborgen. De rails en sluitstukken die reeds vroeger geborgen werden, zijn naar Amsterdam verscheept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 7 juli. Het alhier met averij op de reis van Macassar naar Amsterdam binnen gelopen Nederlandse schip AUGUSTE, kapt. Hoffman, ligt thans geheel gelost op de binnenrede wachtende op een gelegenheid om in het Gouvernementsdok geplaatst te
kunnen worden. Van de gehele lading bleken slechts circa 1.300 balen koffie min of meer beschadigd te zijn. Het zee-evenement, dit schip overkomen, is vermoedelijk hetzelfde als belopen werd door het Nederlands-Indische stoomschip GOUVERNEUR GENERAAL VAN LANSBERGE, dat ongeveer dezelfde tijd en plaats op de reis van Macassar naar Soerabaja zwaar geteisterd werd door een vulkanische zeebeving en ontramponeerd aan schip en machine thans te Soerabaja in reparatie ligt.


17 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New-York, 10 augustus. De schade aan het stoomschip ZAANDAM, kapt. Chevalier, de 1ste augustus van New-York naar Amsterdam vertrokken en uit zee teruggekomen, bestaat in het breken van de lagedruk-zuiger.


  JB - Javabode

Soerabaija, (geen datum). Zr.Ms. schroefstoomschip WATERGEUS, commandant luit.t.zee 1e klasse Visser, is afgekeurd en zal de 15e dezer buiten dienst gesteld worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio Janeiro, 13 augustus. Het schip BORGERHOUT, kapt. Kloekens, de 27ste juni van Ile de Sal (Kaap Verdië) naar Rio Grande do Sul vertrokken, is hier wegens ziekte onder de equipage binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Greenock, 13 augustus. Het Nederlands-Indisch stoomschip GOUVERNEUR GENERAAL ’S JACOB, heeft door de plaats gehad hebbende aanvaring aan beide zijden 2 boegplaten ingedrukt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 17 augustus. De WILLIAM HARTMAN heeft slagzijde. Op dek is alles zwaar beschadigd, enige inventaris is hier aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Oostmahorn, 16 augustus. Gisteren kwam alhier binnen het Duitse scheepje ZIVERDINE, schipper J. Spieker, met lijnkoeken van Flensburg, bestemd naar Zwolle. Dat het een scheepje genoemd mag worden blijkt, daar het hoewel slecht 50.000 kg lading inhebbende, slechts 4 (zegge vier) duim uitwatering heeft. In ’t zeegat gekomen, weigerde het vaartuig te rijzen, en slechts door beradenheid van de loods E. Kruizenga gelukte het zinken te voorkomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 16 augustus. Bij laag water is de verschansing van het stoomschip WILLIAM HARTMANN even zichtbaar; indien de zee kalm wordt, kan de berging door duikers worden beproefd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Waterweg, 16 augustus. Onder het terugkeren gisteravond van de reddingboot van de gestrande stoomboot WM. HARTMANN naar de wal, zijn door het omslaan van die boot vier man van de equipage van de WM. HARTMANN en de zeeloods Van der Heiden verdronken. De reddingboot is in ontredderde staat met de overige geredden aan de Hoek van Holland aangekomen. Aangezien deze reddingboot vooreerst geen dienst kan doen, zal zij door een andere vervangen moeten worden. De WM. HARTMANN is nu vol water en 50 meter bewesten het Noorderhoofd op het wrak van de FENHAM, het zal vermoedelijk totaal wrak worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent de schipbreuk van het stoomschip WILLIAM HARTMAN, kapt. Grimstead, meldt men ons uit Maassluis het volgende:
De WILLIAM HARTMAN raakte gisteren middag omstreeks 12 uur, door het breken van de stuurketting, op de West van de Nieuwe Waterweg aan de grond. Er was veel zee met sterke wind van ZZW en ZW en zware regenbuien, en daar de boot op dezelfde plaats zat waar in december jl. de FENHAM verloren ging, werd de hier gestationeerde reddingboot, bemand met schipper B.C. Weltevreden, W. Weltevreden, J. Roodenburg, Ch. Roodenburg, J. Vroombout en H. Koster, afgezonden, die ten 4 ure door de hevige branding het stoomschip bereikte.
Er ging geruime tijd verloren voordat de gehele equipage was overgesprongen. Toen dit met de uiterste inspanning was gelukt, bevonden zich 19 personen van de HARTMAN en de zeeloods, dus 26 koppen, in de reddingboot.
Schipper Weltevreden trachtte toen door de branding, die zeer hevig was, de Waterweg in te zeilen, toen een grondzee de reddingboot optilde en in een niet te bepalen tijd ondersteboven wierp, zodat allen, behalve Weltevreden, in het water raakten.
De boot rees echter onmiddellijk en de schipbreukelingen hadden zich aan touwen enz, vastgeklemd, behalve 4 man van de HARTMAN, die onmiddellijk moeten zijn gezonken. Zo goed mogelijk kwamen de schipbreukelingen weder in de ontredderde boot, die daarop door een hoge zee werd opgenomen en tegen het Noorderhoofd geslagen, waar zij verbrijzeld werd.
De lieden bevonden zich dus opnieuw in groot gevaar, doch het gelukte hun zich langs de palen en stenen van het Noorderhoofd op te werken, waarna zij onder voortdurend gevaar om weggeslagen te worden, het Hoofd langs lopende, behouden aan de Hoek van Holland aan wal kwamen.
Het bleek toen dat vermist werden: Wm. Bradbury, 1ste stuurman; J. Mansou, matroos; J. Maxwel, stoker; Wm. Coles, stoker, en de zeeloods Abraham van der Heyden, welke laatste, door Weltevreden enige tijd vastgehouden, door een zee werd weggeslagen.
Na verzorgd te zijn werden zij per ss ZIERIKZEE naar Maassluis en vervolgens naar Rotterdam gebracht.
Het omslaan der reddingboot geschiedde ten 8.10 u, en ten 8.16 u werd zij verbrijzeld en zij ligt thans gebroken en bodemloos aan het strand.
Zonder hulp van de reddingboot zouden waarschijnlijk al de opvarenden zijn omgekomen, daar de stoomboot hedenochtend geheel wrak onder water zat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam,15 augustus. Volgens een telegram uit Londen is het Nederlandse galjootschip HEINRICH, kapt. Egberts, van Petersburg, in aanvaring geweest en lek te Kopenhagen binnengelopen, en moet lossen.


18 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 1 augustus. Het Nederlandse schip FELICITAS, kapt. Oosting, van hier naar Sundsvall, is met verlies van kluiverboom uit zee terug gekomen, zijnde in aanvaring geweest met de loodsafhaler, die daarbij schade aan de bezaansmast kreeg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. Volgens een particulier telegram is het Nederlandse schip
NOACH V, kapt. Van der Schaft, de 16e dezer, op Java aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 17 augustus. Volgens een heden bij de rederij ontvangen bericht is het barkschip EENDRACHT, kapt. Berkhout, na een reis van acht dagen behouden van Rotterdam te Wyborg aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 17 augustus. Het stoomschip WILLIAM HARTMANN, is hedenmiddag achter de machinekamer gebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 16 augustus. Evenals de 3-mast schoener FELICITAS, kapt. R. Oosting, die gisteren ochtend van hier naar Sundsvall was vertrokken, des avonds wegens stormweer en met verlies van kluiverboom retourneerde, kwam ook de loodsafhaler met verlies van bezaansmast en gescheurde zeilen uit zee terug.


  JB - Javabode

Op zaterdag de 25e augustus a.s. zal aan het Marine-Etablissement op Soerabaija in het openbaar, zonder voorwaarde van afbraak, worden verkocht de voor de dienst afgekeurde oorlogsstomer WATERGEUS.


  JB - Javabode

Batavia, 18 augustus. Vergunning is verleend aan de te ’s-Gravenhage gevestigde Batjan-Maatschappij tot het in de vaart brengen van het stoomschip BATJAN, bestemd om bij wijze van een geregelde dienst personen of goederen of beide te zamen van de ene plaats naar de andere, zowel binnen het gebied van Nederlands-Indië als tussen een in Nederlands-Indië en daar buiten gelegen haven of plaats te vervoeren, met de bepaling, dat deze stoombootdienst binnen de tijd van zes maanden na de dagtekening van dit besluit in werking moet worden gebracht.


19 augustus 1883


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. In tegenwoordigheid van een groot aantal belangstellenden liep heden middag, ruim ten 15.30 u, van de werf der Maatschappij De Maas, te Delfshaven, met het beste gevolg van stapel het stalen stoomschip SATURNUS.
De fraaie bodem, die rustig en statig op het bepaalde uur te water ging, is gebouwd voor rekening van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Amsterdam, en is bestemd te varen in haar dienst op de Oostzee en Middellandse zee. Het schip, dat 1.000 ton meet, wordt voorzien van een machine van 520 pk compound, mede door de maatschappij De Maas vervaardigd. De lengte der stoomboot is 210 Engelsche voet, de wijdte 30½ voet, en het hol 16 voet 9 duim. Het vaartuig, dat voorzien is van 130 ton waterballast en een gegarandeerde snelheid bezit van 10 Engelsche mijlen in het uur, is door Lloyd en Veritas in de 1e klasse opgenomen.
Het is ons aangenaam tevens te kunnen berichten dat het deze werf in de eerste tijd niet aan het werk zal ontbreken. Onmiddellijk toch na het aflopen van de SATURNUS werd de kiel gelegd van een ijzeren stoomschip van 800 ton voor rekening der heren Green, Holland & Sons te Londen, voorts van een stalen passagiersboot voor rekening van het Belgische gouvernement en bestemd voor de dienst van Ostende, en eindelijk van een schroefsleepboot van 200 pk, voor Engelsche rekening, bestemd om dienst te doen op de Thames.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, op dinsdag 21 augustus 1883, des namiddags ten 2 ure, in een der lokalen van het Poolse Koffiehuis, aan de Hoofdsteeg te Rotterdam, ten overstaan van de deurwaarder Johan Coenraad Lach, van het tjalkschip de DANKBAARHEID, met al deszelfs toebehoren en inventaris, thans gezonken liggende aan de zuidelijke oever bij de Haven van Pernis, in de rivier de Maas, en aldaar vanaf heden te bezichtigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. Volgens ontvangen berichten zijn voor of op de 14e dezer te Soerabaja aangekomen de schepen LOTOS, kapt. Wiebenga, van Rotterdam, en SOERABAYA, kapt. Haasnoot, van Newcastle.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 1808. Volgens een telegram is heden te Sundsvall aangekomen het schip
LIZZIE BOWELL, kapt. Schuur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen 17 augustus. Het Noorse barkschip KONG CARL, kapt. Olsen, met hout van Pensacola herwaarts bestemd en 13 dezer in het Vlie binnengekomen, ligt sedert die tijd in de Blauwe Schenk geankerd.
Daar dit schip beladen 18 en ledig 11 voet diepgang heeft zal een groot deel der lading op stroom moeten gelost worden, alvorens de KONG CARL, hier kan binnenkomen. Op grond der bekende clausule in de Engelse charters, dat het schip de lading ter destinatieplaats zal leveren, “or so near there unto as she may safely get”, weigert de rederij de kosten van het lichten dragen, terwijl de geïnteresseerden bij de lading zich door deze bepaling niet verplicht achten, de lossing op stroom voor hun rekening te bewerkstelligen.
Reeds dikwijls deed zich hier deze kwestie voor, maar eindigde steeds hiermede, dat de rederijen de kosten voor rekening namen, liever dan de geconsigneerden der lading in rechten te vervolgen, omdat de uitslag ener procedure met evenveel grond in haar nadeel als ten haren gunste kon worden verwacht.
Uit de besliste houding, die de rederij der KONG CARL aanneemt, blijkt echter, dat zij alsnog niet geneigd is toe te geven en wacht de kapitein haar orders, alvorens met lossen een aanvang te maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 18 augustus. Volgens een heden bij de rederij ontvangen bericht is te Sundsvall gearriveerd de ALEGONDA JACOBA, kapt. Ebes, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 17 augustus. Volgens een ontvangen telegram is het brikschip CORNELIA, kapt. Nanning, heden Dover gepasseerd.


20 augustus 1883


  JB - Javabode

De BARON MACKAY. Wij ontlenen, zegt de Soerabaijasche Courant, nog het volgende aan telegrafische berichten, omtrent het lot van deze stomer.
De BARON MACKAY is volgens telegram van Billiton in de nacht van 6 op 7 augustus in de Karimata passage, beoosten Mangar gestrand.
De stuurman Braat is met een boot op de noordkust van Billiton geland. De stomer van de Billiton Maatschappij is terstond tot het verlenen van hulp vertrokken.
Het stoomschip GOUVERNEUR-GENERAAL MIJER is maandagavond ter opsporing door de Karimata-passage gezonden.
Nog een ander telegram van de gezagvoerder hier ter stede ontvangen, hield in het bericht dat het schip verloren moet worden geacht.
Men zal zich herinneren, dat het stoomschip BARON MACKAY, gezagvoerder Visman, de 5e augustus van hier vertrok met een lading voor Deli, Penang en Singapore, met rechtstreekse bestemming naar deze laatste plaats.
Wij mogen wel zeggen, Goddank, dat zich geen catastrofe heeft voorgedaan als met de LUITENANT-GENERAAL KROESEN en de BANDA. De Nederlandsch Indische Stoomvaart Maatschappij heeft ruimschoots haar deel aan zeerampen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 18 augustus. Het stoomschip EIDER, kapt. Ogier, van Londen naar hier, 16 dezer in het Scheurrak aan de grond gelopen, heeft gisteren twee lichters jute gelost en niet vlot gekomen met de assistentie der sleepboot VOORWAARTS. Heden vertrokken weder twee lichters van hier om de steenkolen te lossen en de ankers en kettingen over te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op maandag 27 augustus 1883, des avonds te 8 uur, zal, ten huize van de kastelein J. Homan aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht een
overdekt tjalkschip, genaamd WILLEMINA ANNEGINA, groot 101 tonnen, gebouwd in 1876, met deszelfs opgoed en toebehoren, zo als hetzelve is liggende in de Noorderhaven te Groningen en bevaren is geweest door B. Aukes.
Te bezien dagelijks. Om te aanvaarden 8 dagen na de toeslag. Mr. R.A. Quintus, notaris.


21 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 7 augustus. Het Nederlands-Indische stoomschip GOUVERNEUR VAN LANSBERGE is te Soerabaja in reparatie, hebbende schade geleden zowel aan schip als machine door een onderzeesche aardbeving op reis van Macassar naar die haven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 augustus. Volgens ontvangen bericht is de hier te huis behorende schoener MARIA SINNIGE, kapt. J. Groothuijs, eergisteren te Falmouth aangekomen, komende van Rettimo (opm: waarschijnlijk Rethimnon).


  AH - Algemeen Handelsblad

Bolnes, 18 augustus. Heden werd met goed gevolg van de werf van de heren Gebr. Pot alhier te water gelaten de schroefstoomboot MENTOR V, gebouwd voor rekening van de heer L. Bitter te Schiedam. De machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heren Van Reede & Zn. te Papendrecht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 18 augustus. Het stoomschip EIDER, hetwelk in het Oude Vlie aan de grond is gestoomd, is nog niet vlot en zit hoog aan de grond. Heden met de vloed was er nog een voet water te weinig. Het lichten der lading en aanwezige steenkool wordt heden voortgezet. De positie is niet gevaarlijk.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 20 augustus. Heden is men begonnen met het wegruimen van het wrak van de ANASTASIA; een gedeelte van het dek is reeds verwijderd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 20 augustus. Heden werden nog ongeveer 30 ton van de lading uit het stoomschip WILLIAM HARTMANN geborgen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 20 augustus. Volgens telegram uit Londen, alhier bij de Vereeniging van Assuradeuren ontvangen, is het Nederlandse schip SCHIEDAM, kapt. Goedvolk, van Macassar naar Amsterdam, te Krawang aan de grond geraakt. Schade onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 11 juli. Het Nederlandse schip CALIFORNIA is bevracht naar Dordrecht met koffie voor NLG 60.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 20 augustus. Uit de DAYSTAR werden heden 40 spoorrails benevens een ketting van 60 vadem geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 20 augustus. Gisteren zijn hier enige kettingen van het stoomschip WM. HARTMAN aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 20 augustus. Het Nederlandse schip LAMMECHIENA, kapt. H.H. Duit jr. van Kroonstad naar Bremen, is met schade door aanvaring te Slite binnen gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. Volgens een particulier telegram is het schip NOACH III, kapt. Kruijt, van Java naar Amsterdam, heden Lezard gepasseerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 20 augustus. Het stoomschip EIDER heeft de gehele lading, een gedeelte van de inventaris en der kolen gelost, benevens het water uit de ketels gepompt, ten einde het schip te lichten. De sleepboten MAGNET II en VOORWAARTS zijn er bij en er worden maatregelen tot vlotbrengen voortgezet. Het stoomschip HOLLANDIA, gisteren van Londen hier aangekomen, is hedenmorgen geretourneerd met de derwaarts bestemd lading van de EIDER.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. In het bericht over het van stapel laten van het stoomschip SATURNUS is verzuimd melding te maken van de doop van het schip. Evenals in Engeland de gewoonte is, was aan de voorsteven een met bloemen versierde fles champagne aan een guirlande van groen opgehangen, en door mejuffrouw De Boer, dochter van de heer P. A. de Boer, inspecteur van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, werd het schip gedoopt met de naam SATURNUS.


22 augustus 1883


  JB - Javabode

Batavia, 21 augustus. Heden is hier aangekomen van Singapore het Engelse stoomschip M. MEANATCHY, kapt. Moppett.
(opm: zie JB 120783. Eerste vermelding van dit schip in de Java-Bode. De M. MEANATCHY vertrok op 23 augustus van Batavia via Samarang en Soerabaija naar Makassar, kennelijk nog onder Engelse vlag, maar in dienst van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, op zaterdag, 25 augustus 1883, des namiddags ten 14.00 u, in het Poolse Koffiehuis aan de Hoofdsteeg te Rotterdam, ten overstaan van de deurwaarder Johan Coenraad Lach, van een overdekt tjalkschip, genaamd MARIA, groot 101 tonnen (ladende 58 last zwaar gewicht) met al deszelfs staand en lopend want en geheel complete inventaris.
Liggende in de Zuidblaak nabij het Postkantoor te Rotterdam, en aldaar vanaf donderdag 24 dezer te bezichtigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ronnehamn, 19 augustus. Het te Slite binnen gelopen Nederlandse schip LAMMECHIENA, kapt. Duit, is in aanvaring geweest met het stoomschip GRAPHIC.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

San Francisco, 2 augustus. Het Amerikaanse schoenerschip W.H. MEIJER was inkomende in aanvaring met het Nederlandse brikschip HELENA, kapt. Oosterhuis, waardoor deze enige schade leed aan de verschansing en voorsteng, laatst genoemde verloor de voorbramsteng, kluiverboom en voortuig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 augustus. Volgens een particulier bericht is heden te Sundsvall gearriveerd het schip BOTHNIA, kapt. Alta, van Harlingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juli. Het Engelse stoomschip CHYEBASSA en het Nederlandse stoomschip NOORD BRABAND zijn hier aangekomen na zwaar stormweer doorstaan te hebben. Aan boord van beide schepen zijn de go-ahead excentriek en stang gebroken en verbogen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 augustus. Het hier met schade door aanvaring binnengelopen Nederlandse galjoot HEINRICH, kapt. Egberts, van Petersburg met raapstelen naar hier voor order, zal de lading lossen. Men beweert dat het schip, waarmede het in de Drogden in aanvaring was het barkschip POLSTJERNAN is, thuisbehorende te Sundsvall.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 augustus. De zee was gisteren bijzonder kalm en dus zeer gunstig voor het duiken op de DAYSTAR. Er werden dan ook 80 spoorrails geborgen en alhier aangebracht.


23 augustus 1883


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ronnehamn, 19 augustus. Het te Slite binnengelopen schoenerschip LAMMECHIENA, kapt. H.H. Duit Jr., is in aanvaring geweest met het stoomschip GRAPHIC.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 augustus. De lading van