Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 0 - 189 - 1801 - 1803 - 1805 - 1806 - 1808 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 2018


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1876


01 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december. In het jaar 1875 zijn alhier binnengekomen 964 schepen tegen 1.154 in 1874 en vertrokken 812 schepen tegen 996 in 1874.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 31 december. Alhier zijn heden aangebracht 117 blokken tin, door duikers opgehaald uit het wrak van de THOMAS SORBY.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 30 december. Door particulieren is aangenomen om het bij Petten gestrande stoomschip TREVETHICK, van Newcastle naar Amsterdam, voor NLG 22.000 af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte op de 30e december 1875 voor de ondergetekende notaris P.J.W. van den Berg, te Rotterdam gepasseerd, is tussen de heren Dionijs van der Pot, Gerrit van der Pot en Johannes Baptista Crol, allen cargadoors, wonende te Rotterdam, en mevrouw Louise Jacqueline Hoffman, weduwe van de heer Willem Simon Burger Gerarduszoon, particuliere, mede te Rotterdam woonachtig, overeengekomen om de tussen de drie eerstgenoemde heren en wijlen de heer Willem Simon Burger Gerarduszoon, bestaan hebbende vennootschap, ten doel hebbende het drijven van cargadoorzaken, met alles wat daartoe in de ruimste zin betrekking heeft, na het verstrijken van de termijn waarvoor zij oorspronkelijk is aangegaan, zijnde de 31e december 1875, nog voor een tijdvak van 5 jaren voort te zetten, aan te vangen de 1e januari 1876 en mitsdien zullende eindigen de 31e december 1880. De firma der Vennootschap blijft D. Burger & Zoon, tot tekening waarvan de vennoten Gerrit van der Pot en Johannes Baptista Crol gerechtigd zijn, zonder die echter immer te mogen bezigen tot het aangaan en tekenen van beleningen en borgtochten of particuliere verbintenissen in het algemeen, waartoe, om voor de Vennootschap van kracht te zijn, de bijzondere handtekening van al de vennoten zal worden vereist.
Rotterdam, 1 januari 1876, P.J.W. van den Berg, notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte op de 29e december 1875 voor de notaris P.J.W. van den Berg te Rotterdam, gepasseerd, is tussen de ondergetekenden James Smith en William Smith, beiden cargadoors en expediteurs, wonende te Kralingen en François Siewertsz van Reesema, particulier, wonende te Rotterdam, overeengekomen, dat de laatste ondergetekende zal worden opgenomen in de tussen de beide eerste ondergetekenden te Rotterdam bestaande vennootschap, ten deel hebbende de uitoefening van de cargadoors- en expeditiezaken en zulks voorlopig voor de tijd van 3 jaren, aanvang nemende de 1e januari 1876 en mitsdien zullende eindigen de 31e december 1878.
De firma van de vennootschap blijft P.A. van Es & Co., waarvan de beide eerst ondergetekenden de tekening hebben, terwijl die door de laatst ondergetekende bij procuratie zal worden getekend, zonder dat hij die echter immer zal mogen bezigen tot het aangaan en tekenen van beleningen of particuliere verbintenissen in het algemeen, waartoe steeds de bijzondere handtekening van al de vennoten zal worden vereist.
Rotterdam, 1 januari 1876, James Smith. W. Smith. F.S. van Reesema.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 29 december. Sedert enige dagen is men aan boord van het Nederlandse stoomschip GIRONDE, thans hier in de Vluchthaven, in afwachting van emplooi, bezig met het nieuwe stelsel van scheepmeting in beoefening te brengen. Daarvoor waren soms
60 ambtenaren van hier en elders, met de provinciale inspecteur, tegelijk aan boord, doch schijnt het, dat de praktijk nogal moeite veroorzaakt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Notaris J. Piccardt te Hoogezand zal, op donderdag de 20ste januari 1876, des avonds te 7 uur, ten huize van Roelfsema te Hoogezand, publiek te koop presenteren het best onderhouden gezinkt schoener-brikschip DIRK HENDRIK, met complete inventaris, gevoerd door kapt. A.M. Prins, thans liggende te Delfzijl. Het schip is groot 187 zeetonnen, laadt 12.300 voet Riga-Hollandse kapbalken.
Informatie te bekomen bij de cargadoors Wijnne & Barends te Delfzijl en bij de boekhouder J.D. Romkes te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 29 december. Het bij Dungeness gestrande Hoogezandster schoenerschip SYNE JACOBS, kapt. K.C. Bloupot, van Lagos naar Flensburg bestemd, is af- en te Rye in de haven gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 31 december. Scheepsvrachten. Voor het kanaal van Bristol werd gedaan tegen Sh.20/- (groot charter) en voor Londen of de Oostkust tegen Sh. 23/- per 10 qrs. haver Engels gewicht.


02 januari 1876


  AH - Algemeen Handelsblad

Brielle, 1 januari. In het jaar 1875 is alhier binnengekomen 1 schip van Riga.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 1 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier binnengekomen 3.103 schepen, waaronder van: Bahia 1, Baltimore 4, Banana 5, Boston (Am.) 1, Brindisi 1, Demerary 1, Iquiqe 2, Jamaica 3, Java 8, Lagos 4, Laguna 1, Moulmain 1, Mexico 1, Miragoane 1, Mozambique 2, New Orleans 1, New York 14, Philadephia 2, Porto Cabello 2, Rangoon 2, Santos 4, St. Johns NB. 1, Westkust van Afrika 1, Wilmington 1.


  AH - Algemeen Handelsblad

Brouwershaven, 1 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier binnengekomen 285 schepen, waaronder van: Baltimore 9, Banana 1, Bassein 4, Boston, A. 1, Callao 2, Charleston A., 3, Dairien G. 1, Gotenburg 1, Iquique 8, Java 35, Macassar 2, Moulmain 1, New York 27, Philadelphia 6, Pisagua 4, Rangoon 27, San Francisco 1, St.-Johns N.B. 1, Westkust van Afrika 1, Wilmington 3.


  AH - Algemeen Handelsblad

Zierikzee, 1 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier binnengekomen 41 schepen, waaronder van: Baltimore 1, Bassein 2, Caracas 1, Java 1, New-York 2, Philadelphia 2, Rangoon 1.


03 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port-Elisabeth, 29 november. Heden zijn van de lading ex-MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, van Batavia naar Nederland, met lekkage alhier binnengelopen, 216 zakken koffie, 134 kranjangs suiker en 526 huiden verkocht. Dewijl de schade aan de lading grotendeels aan de slechte staat van de dekken toegeschreven wordt, is aanbevolen om nieuwe in het schip te leggen. De kosten worden geraamd op GBP 2.500. Het nodige hout is hier echter niet te verkrijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Scheepsbouwmeesters worden uitgenodigd de prijs op te geven, waarvoor zij genegen zijn het schip RIO GRANDE, thans liggende op de sleephelling te Schiedam, te repareren. Aanbiedingen worden ingewacht vóór vrijdag 7 januari e.k., des middags ten 12 ure, ten kantore van de heer John Hudig, Lloyd's agent, Willemsplein 9, Rotterdam, bij wie nadere inlichtingen te bekomen zijn. Binnen 2 dagen zal aan heren inschrijvers bekend gemaakt worden, of van hun aanbieding al dan niet gebruik zal worden gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 november. Vrachten. De koersen ondergingen geen verandering en de afdoeningen gedurende de laatste veertien dagen voor Nederlandse schepen bepaalden zich tot de NOACH III naar Rotterdam, NLG 60 à 57,50 voor suiker, te Tegal en Pekalongan te laden.
In lading hier en op de kust: het Nederlandse stoomschip PRINSES AMALIA, en de Nederlandse zeilschepen FERDINAND EN LOUIS, WILLEMINA EN CLARA en TWEE GEZUSTERS.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: GIJSBERTUS HERMANUS, NICOLETTE, MAIBIT, IJMUIDEN en de stoomboot BORNEO.


 MCO - Middelburgsche Courant

Gistermiddag 4 uur vertrok van Rotterdam en ankerde hedennacht het stoomschip GRONINGEN, gezagvoerder S.W. Kramers, bestemd naar Antwerpen om te dokken. Het schip is hedenmorgen zeer vroeg weer van Terneuzen naar Antwerpen opgestoomd.


04 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 januari. In de algemene vergadering van de directie van het compact De Eendracht, alhier gehouden in het laatst van de vorige maand, werd als het eenparig gevoelen van de vergadering uitgesproken, dat als hoofdzaken in het belang van zeeassurantie-verenigingen, deze twee zaken moeten worden beschouwd:
- Dat de inschrijving van de schepen moet geschieden in december, om met 1 januari daaraanvolgende te kunnen werken, dewijl elk verzekerd schip, dat op dit tijdstip in zee gaat, voldoende waarborg moet hebben voor eventueel verlies.
- Dat het taxatietarief noodwendig moet worden gewijzigd en ingericht in verband met de wet van 3 juni 1875, Staatsblad No. 101, waarbij als eenheid van scheepsmaat is aangenomen de kubieke meter, waarvan de registerton staat = 1: 2,83. Wel wordt de tegenwoordige ton gelijk geacht aan 1½ maal de teerling; doch een meting van verschillende vaartuigen naar het nieuwe stelsel heeft tot uitslag, dat die ton geacht wordt gelijk te staan met 2.214 kubieke meter.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij rechtelijk gezag van het Franse barkschip genaamd NATHALIE, liggende te Rotterdam, in de Vluchthaven, lang volgens meetbrief 31,90 meter, wijd voor: 4,30 meter, 7,65 meter, midden: 4,45 meter, 7,70 meter, achter: 1,02 meter, 7,30 meter, hoog: 4,35 meter en alzo groot 304 tonnen, met al deszelfs staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen en provisie ingevolge inventaris, gevoerd geweest door schipper Pierre Launay.
Ten verzoeke van Johannes Jacobus van den Bergen, loodsschipper; Cornelis Streefkerk, zeeloods; Dirk Embregts, zeeloods; Sebastiaan Auer, kwekeling eerste klasse; Willem Hendrik Dekker, matroos; Arie van Drielen, matroos en Daniel Jansen, matroos; wonende allen te Hellevoetsluis, domicilie kiezende ten kantore van de procureur mr. Gerardus Combertus Burger, aan de Haringvliet No. 24 te Rotterdam, rekwiranten uit krachte van een beslissing van scheidsmannen, gegeven de 20e november 1875, executoir verklaard door de Edel Achtbare Heer president van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam, de 27e november daaraanvolgende en op de expeditie behoorlijk geregistreerd, tussen voornoemde schipper Pierre Launay ter eenre en de heer Pieter Roodzant, inspecteur van het loodswezen te Hellevoetsluis en aldaar wonende, optredende en handelde voor gezegde rekwiranten, ter andere zijde, waarbij is beslist, dat door gezegde schipper Pierre Launay voor rekening van zijn schip ter zake van bergloon zal worden betaald met inbegrip van de helft in de kosten een netto bedrag van NLG 1.622,65, gereserveerd de andere bij die beslissing vermelde kosten en daarvoor onder anderen hetzelve schip en toebehoren speciaal verbonden en executabel en daarna arrestanten op het hetzelve schip en toebehoren.
De executanten hebben het voorschreven schip en toebehoren ingezet voor een som van NLG 1.000,00.
De verkoop zal plaats hebben ter terechtzitting van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam, op woensdag de 26e januari 1876, des voormiddags ten elf ure precies.
De memorie van lasten is gedeponeerd ter griffie van meergemelde rechtbank en kopie daarvan ligt ter visie ten kantore van voornoemde procureur mr. Gerardus Combertus Burger, bij wie andere inlichtingen te bekomen zijn.
Mr. G.C. Burger, procureur.
Rotterdam, 4 januari 1876.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 januari. In het afgelopen jaar zijn langs de Nieuwe Waterweg binnengekomen 3.242 schepen en vertrokken 3.965.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 januari. Volgens particulier bericht is het Nederlandse schip SOERABAIJA PACKET, kapt. Verduin, de 2e dezer te Bushire (Perzische Golf) gearriveerd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 januari. Volgens brief van kapt. De Greeve, voerende het Nederlandse schip MERAPI, van Samarang herwaarts, in dato 15 november, was hij toen sedert acht dagen kruisende geweest met flauwe koelte op het rif van Agulhas. Het schip is sedert – 26 november – St. Helena gepasseerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een goed onderhouden tjalkschip van 95 ton, gebouwd in 1863, met al deszelfs toebehoren. Te bevragen bij de schipper H.T. de Groot, liggende bij de Nieuwe Sluis, buiten de A-poort te Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 1 januari. Hier ligt in de haven de Nederlandse tjalk JOHANNA KARLINA en in reparatie de kof EENDRAGT.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Tonningen, 1 januari. Het schip JANTINA CATHARINA, kapt. Van Dijk, van Pahlhude met cement naar Hamburg, is door een stoomboot tot aan deze plaats gesleept.


05 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 januari. Naar aanleiding van het Koninklijke Besluit van 2 dezer wordt Zr.Ms. schroefstoomschip 4e klasse ARUBA, liggende te Willemsoord, met de 16e daaraanvolgende in dienst gesteld en het bevel over die bodem opgedragen aan de luitenant ter zee 1e klasse Jhr. J.A. Roëll.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 3 januari. Aan de Maatschappij De Schelde, Scheepsbouw- en Werktuigen- fabriek alhier, is vergund de naam van Koninklijke te voeren. Deze gebeurtenis werd gevierd door het uitstreken van de vlaggen en oranjewimpels op de gebouwen van het voormalig
Marine-etablissement, die sedert 1 november 1875 onder het beheer van de voornoemde Maatschappij zijn gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 januari. Heden zijn alhier aangebracht 45 blokken tin, door duikers opgehaald uit het wrak van de THOMAS SORBY.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 4 januari. is het gestrande Het stoomschip TREVETHICK, bij Petten gestrand geweest, is na gelost te hebben afgebracht en hier binnengestoomd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 november. Het stoomschip KHIVA is met drie duikertoestellen naar het bij de Noordwachter gezonken stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN vertrokken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 4 januari. Op de scheepswerf van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen heerst een zekere gisting. Vier personen uit Alblasserdam zijn als arbeiders op deze werf aangenomen, en ongeveer driehonderd van de werklieden weigerden deze “vreemdelingen" als kameraden te begroeten, omdat ze ”vreemdelingen" zijn. Daar de Alblasserdammers gehandhaafd bleven, staakten de werklieden hedenochtend de arbeid, die in de namiddag echter, door een gedeelte werd hervat. De “vreemdelingen" zijn nog niet aan het werk en de ontevredenheid is niet geheel geweken. Toch schijnt het dat de kwestie spoedig zal worden opgelost, door de toegevendheid van de werklieden, daar de Alblasserdammers in alle gevallen worden behouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Door kapt. E.T. Mulder te Veendam werd per telegram van Z.M. vergunning gevraagd en verkregen om aan zijn negende zoon, geboren de 31e december j.l., ’s konings namen te mogen geven, zodat deze wereldburger in de registers van de burgerlijke stand is ingeschreven als Willem Alexander Paul Frederik Lodewijk.


  JB - Javabode

Batavia, 5 januari. Ofschoon wij niet pessimistisch zijn, zo mogen we toch een bedenking niet achterwege laten betreffende het aantal sloepen aan boord der KONINGIN SOPHIA (opm: van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij) aanwezig. Hebben wij goed geteld, dan zijn er maar zes, welke te zamen 150, hoogstens 200 man kunnen opnemen. Bij de menigvuldige berichten in de laatste tijd van ongelukken op zee, kan men niet van zwaartillendheid beschuldigd worden, zo men aan mogelijke rampen denkt en zich de gevolgen voor de geest haalt, welke hieruit zullen kunnen ontstaan. Het aantal sloepen is te gering in verhouding van hen, die zich nu op genoemde stomer bevinden. Militairen, vrouwen en bemanning medegerekend kan men dit aantal gerust op 800 stellen. (opm: het schip werd gebruikt voor troepenvervoer naar Atjeh).


06 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portoer, 28 december. Het Nederlandse schip AART EN CORNELIA, kapt. Krijnen, van Memel naar Nieuwediep met hout, is met verlies van een gedeelte van de deklast te Dunvig binnengelopen. Het schip heeft in het Kattegat zwaar stormweer gehad en veel drijfijs aangetroffen, waardoor het zwaar moest zeilen om er doorheen te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portoer, 28 december. Het schip JETSKE, kapt. Houwink, met hout naar Harlingen bestemd, is in een van de havens in de nabijheid van deze plaats binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 5 januari. De werkstaking op de scheepswerf van de Koninklijke Fabriek van Stoom-en Andere Werktuigen is reeds geheel geëindigd. De vier Alblasserdammers zijn rustig en ongemoeid aan het werk getogen.


  JB - Javabode

Het vergaan van de LOUISE. Fragment uit een brief van een der passagiers.
Van de verschrikkelijke ramp, ons overkomen, zal er zekerlijk reeds het een en ander bekend zijn. Ik had u reeds vroeger geschreven, maar ben daartoe eerst nu in staat. Thans op de fabriek Djabong bij onze zoon zijnde, haast ik mij u breedvoeriger een en ander mede te delen. De stranding had plaats, omstreeks ten 7½ uur in de avond van de 30e november. Pas was ik van de campagne naar de kajuit gegaan om koffie te drinken, toen ik eensklaps het geraas der branding hoorde, waarop ik naar boven ging, om te zien, wat er gaande was. Ik vroeg aan een matroos, wat de oorzaak kon zijn van dat gebulder, doch eer deze mij kon antwoorden, stootte reeds het schip op de grond. Dadelijk snel ik weer naar de kajuit, waar mijn vrouw nog aan haar koffie zit en deel het ontzettende bericht mede, dat het schip op strand is geraakt en spoor haar aan zich gereed te maken om zo mogelijk nog door middel van een der boten het leven te redden. Dit zeggende, stoot het schip reeds voor de tweede maal. Nu de kajuit willende verlaten, bedenk ik nog bijtijds, dat het veiliger is nog een wijl te wachten, daar er gevaar kon zijn, dat de masten omver zouden vallen en wij daar onder verpletterd worden. Met grote moeite gelukt het mij toen de kajuitsdeuren te sluiten, daar anders door overkomende zeeën deze spoedig vol water zou hebben gestaan. Nauwelijks is het geschied of het schip stoot ten derde male en vallen de grote en bezaansmasten gelijktijdig omver en worden de kajuitsdeuren daardoor versperd. Hierop gaan wij door de kerk en vinden een der beide deuren nog open, waardoor het ons gelukt naar boven te komen. Thans komt de tweede stuurman ons waarschuwen, dat wij ons moeten haasten de boot te bereiken, die inmiddels te water was gelaten. Na veel moeite en inspanning slagen wij erin, geholpen door de tweede stuurman, de plaats te naderen, waar de boot ligt. De kapitein en het merendeel der bemanning zijn reeds in de boot en ik hoor de kapitein bij herhaling roepen: komt toch in de boot mensen, komt toch in de boot en zoekt de riemen, doch dit was gemakkelijker te zeggen dan te doen, daar de boot op enige afstand van het schip verwijderd moest blijven, om niet om te slaan. Eindelijk gelukt het mij langs een afhangend touw mij in de boot af te laten. Mijn vrouw, die gewild had, dat ik haar voor zou gaan, was nog niet in de boot, maar hing aan de buitenzijde van het schip aan een touw. Inmiddels is de boot reeds bijna vol water en zijn er maar drie riemen in. Daar het mijn vrouw niet mogelijk is in de boot te komen, hangt zij nog steeds aan het touw, de boot raakt inmiddels meer en meer vol water en daar ik mijn vrouw niet alleen wil laten, neem ik het ogenblik waar, dat de boot tegen het schip geslingerd werd, grijp hetzelfde touw, waaraan mijn vrouw hangt en verlaat de boot. Ik bekwam bij die gelegenheid een belangrijke kwetsuur, daar mijn linker arm tussen de boot en het schip bekneld raakte. De boot wordt een ogenblik daarna door een tweede botsing tegen het schip verbrijzeld, waardoor allen, die zich daarin bevinden, aan de golven worden overgeleverd. Aan de meesten gelukten het echter voor en na weder het wrak te beklimmen, hetgeen mij en mijn vrouw ondoenlijk was. Op ons geschreeuw om hulp beproeven enige der zich op het wrak bevindende ons omhoog te trekken, doch daar wij beiden aan een touw hingen, waren wij te zwaar, zodat het hun niet mocht gelukken ons op het wrak te trekken en lieten zij ons voorlopig aan ons lot over. In die positie blijven wij omstreeks anderhalf of twee uur, telkens bedolven door de hoge zeeën en ons steeds krampachtig aan het bewuste touw vastklemmende, toen het mijn vrouw gelukt een ra te bereiken, waarop zij zich neerzet, terwijl zij mij toeroept haar voorbeeld te volgen, hetgeen mij echter als slecht zwemmer veel moeite kost. Na inspanning kom ik er eindelijk en werk mij er boven op. Thans riepen wij opnieuw om hulp en nu wordt ons van het wrak een touw toegeworpen en wij een voor een tegen het wrak opgetrokken en door de zorg van de tweede stuurman en matrozen verkrijgen wij een tijdelijke beschutting tegen de zeeën in het logies der matrozen, waar wij ieder in een kooi gaan liggen. Hier blijven wij tot omstreeks vier uur in de morgen, gekweld door verschrikkelijke dorst, daar wij veel zeewater hadden ingekregen. Omstreeks 4 uur in de morgen komt men ons waarschuwen het schip te verlaten, om te trachten over het rif door de branding te voet de oever te bereiken, daar dit de bootsman en enige matrozen reeds was gelukt en die ten teken daarvan een brandende lantaren, die zij hadden meegenomen omhoog hieven. Inmiddels hadden enige matrozen, wier naam ik echter niet weet, mij en mijn vrouw voor de natte kleren ieder voorzien van een rood baaien hemd en onderbroek. Geholpen door de baas timmerman en de ex-hofmeester Jan de Baas slaagden wij het logies en het wrak te verlaten, waarna wij geholpen, mijn vrouw door de tweede stuurman en ik door genoemde ex hofmeester na ongelofelijke moeite en inspanning, wadende door de branding over het rif soms tot over de knieën, ja zelfs tot over de heupen in het water en steeds op de puntige koraalrots, het strand bereikten, waar wij uitgeput en meer dood dan levend op het zand neervielen; de eerste stuurman en de kok uitgezonderd waren nu allen op het strand gered. De kapitein, die men insgelijks verloren waande, was echter de eerste, die, door naar de oever te zwemmen, het leven had gered. De eerste matrozen, die het gelukt was, van het wrak vallende de oever te bereiken, waren verwonderd de kapitein daar te zien staan. Volgens eigen verklaring had hij na het stukslaan der boot eerst nog anderhalf uur bij het schip rond gezwommen, voor dat hij naar land zwom. Na enige tijd op het strand te hebben gelegen, konden ik en mijn vrouw, geholpen door matrozen, een vissersboot bereiken. Mijn vrouw was zo uitgeput, dat zij gedragen moest worden. Hier verkwikten wij ons met een teug brak water, waaraan wij ons op één balee-balee neerlegden, tot hoofdkussen een bos droge klapperbladeren hebbende. Inmiddels ware de tweede stuurman en enige matrozen op verzoek van de kapitein, naar het wrak teruggekeerd, om zijn geld en papieren, kledingstukken enz. te halen. De kapitein alzo in het bezit van een zak met droge kleren zijnde, vroeg ik voor mijn vrouw enige kleren en kreeg van hem een van zeewater doorweekte witte onderbroek, welke ik in de zon hing te drogen, doch die niet droog wilde worden, zodat ik genoodzaakt was mijn vrouw, die op de balee-balee lag met een matrozenbuis toe te dekken. Intussen was de tweede stuurman met enige matrozen op verkenning uitgegaan naar Tandjong en vond daar in lading liggen het brikschip, BANDA NEIRA, kapt. Schuld, aan wien onze ramp bekend gemaakt wierd. Deze kwam onmiddellijk met de sloep naar de plaats, waar wij ons bevonden, medenemende levensmiddelen en wijn, waarmede wij ons verkwikten en vernamen van hem tot onze grote verbazing, dat wij ons niet op Java maar op Bali bevonden.
De kapt. Schuld nodigde ons uit met de sloep naar zijn schip te gaan, welke verzoek door ons met blijdschap werd aangenomen, zodat wij ons omstreeks 12 uur des voormiddags bij hem aan boord bevonden, waar wij door zijn zorg gereinigd en van droge kleren voorzien werden en waar wij vervolgens tot en met de 9de op de meest liefderijke en minzame wijze door hem en zijn echtgenoot zijn geherbergd en gevoed, terwijl zij ons ten slotte nog van de eerste noodzakelijke kledingstukken hebben voorzien. Het gedrag van kapt. Schuld en echtgenoot is boven alle lof verheven en zal door mij en mijn vrouw nimmer worden vergeten. Ook de stuurman van de BANDA NEIRA verdient alle lof en dank. Later schrijf ik u meer; alleen wil ik nog mededelen, dat wij te middernacht van de 29 op de 30 november reeds bijna terzelfde hoogte waren als een uur voor de stranding, daar de wind toen echter flauw werd, waren wij ’s morgens ten acht uur ruim 6 mijlen door de stroom teruggeslagen, zodat wij de gehele dag nodig hadden de verloren afstand te herwinnen, altoos denkende, dat wij voor straat Bali waren, terwijl de kapitein en stuurlieden de tafelhoek van Bali voor de zuidoosthoek van Java aanzagen of ten minste dit voorgaven. ’s Avonds, omstreeks 4 à 4½ uur kwam er meer wind, zodat de zeilen vol stonden. Een bark, die reeds geruime tijd gezien was, naderde ons nu tot op korte afstand en hees de Engelse vlag. De eerste stuurman, die de wacht had, wilde in den beginne onze vlag niet tonen. Op mijn aanmerking, dat zulks onbeleefd was, gaf hij eindelijk de derde stuurman last de vlag te hijsen met bijvoeging van de woorden: als hij maar geen seinvlaggen toont, want ik wil hem niet beantwoorden. Werkelijk hees ook de Engelsman seinvlaggen, doch deze werden door de 1e stuurman niet beantwoord, onder voorgeven, dat hij geen seinvlaggen had, dat dit bij de kapitein in de hut was en dat hij de kapitein niet wakker wilde maken. De kapitein bevond zich dan ook reeds vanaf 2 uur ’s middags in zijn hut en hield de deur zorgvuldig gesloten tot omstreeks 6½ uur, toen hij op dek kwam. De kapitein was de gehele dag niet in de kajuit geweest, zelfs niet aan de middagtafel. Zodra de kapitein op het dek kwam gaf hij de roerganger last een streek westelijker te sturen, de stroom was toen zo geweldig, dat ik de kapitein daarover vroeg en ten antwoord kreeg: Ja mijnheer, hier staat een pest van de stroom Bootsman, zeilmaker en matrozen op ’t voordek hoorde ik zeggen: Het is geen stroom, het is branding; meteen zitten wij op de kop in de wal. Ik zou gaarne willen weten, wie de agenten zijn van de assurantie-maatschappij, waarbij schip en lading van de LOUISE verzekerd zijn,daar ik hen in hun belang en misschien ook in het mijne, inlichtingen kan verschaffen. Mijn goederen waren niet verzekerd en is alles door de Balinezen geroofd en nu voor ditmaal genoeg.
(opm: vervolg in JB 070176)


07 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Volgens hedenavond alhier bij de rederij ontvangen telegram was het schip VRACHTZOEKER, kapt. Vellenga, wegens tegenwind te Plymouth gearriveerd; alles wel aan boord, 93 dagen reis van Batavia.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 6 januari. Men is zonder bericht van het schip NIEUWENDAM, kapt. C. Jaski, 20 augustus van Martinique naar Havre vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 3 januari. De gezagvoerder van het Nederlandse schoenerschip GEERTINA, van Buenos Aires alhier voor order gearriveerd, rapporteert de 20e december op 31°14’ NB 37°17' WL, een ondersteboven drijvend schip te zijn gepasseerd, zwart geschilderd, ongeveer 120 voet lang en gekoperd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. De 9e november 1875 is te Soerabaja overleden onze behuwd broeder de heer E.J. Orré, in leven kapitein bij de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij te Batavia.
Amsterdam, 6 januari 1876, Wed. Diedriech, geb. Jaski, uit aller naam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dinsdag de 11de januari 1876, des avonds te 7 uur, ten huize van de logementhouder J.M. Veltman te Delfzijl, publiek worden verkocht het snelzeilend en goed onderhouden kofschip AGATHA, met complete inventaris, gevoerd door kapt. J.J. Valom, thans liggende in de haven te Delfzijl, groot 64 zeetonnen en ladende plus/minus 60 last delen. Informatiën bij de heren P. Stratingh en Co. te Delfzijl en bij de gezagvoerder te Farmsum.
J.C. Jentink, notaris te Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het welbezeilde, uitmuntend onderhouden schoener-brikschip ARGO, met complete inventaris, groot volgens Nederlandse meetbrief 238 zeetonnen, liggende in de Zuiderhaven te Harlingen. Genoemd schip laadt in Zweden (Bothnische Golf) 85 à 90 berekende tulten balken. Nadere informatiën zijn te bekomen bij de cargadoors Repko & Co. te Harlingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 5 januari. Vrijdag j.l. (opm: 31 december 1875) is met goed gevolg van de werf van de scheepsbouwmeester J. Bodewes te water gelaten het tjalkschip SIEKA, groot 85 tonnen, zullende bevaren worden door schipper J. Jager te Groningen.


  JB - Javabode

(opm: vervolg van JB 060176)
De schipbreuk van de LOUISE. Djabong, 24 december 1875.
Ten vervolge van het reeds aan u medegedeelde, betreffende de ons overkomen ramp, neem ik de vrijheid u nog een en ander te berichten, in de hoop zulks u niet ongevallig moge zijn.
Ik zal trachten aan te tonen, dat de heer Vogelsang door verregaande zorgeloosheid en onverschilligheid van alles de schuld is.
Ook omtrent het schip zelve zijn verscheidene opmerkingen door mij gemaakt. Zo bevonden zich op het schip twee kanonnetjes, die volgeroest waren en zonder rolpaard op het voordek lagen, zodat wij in tijd van nood buiten staat waren noodschoten te doen. Het roer was gedurig aan reparaties onderhevig en stootte geweldig. De grote boot was zo verrot, dat ik met duim en vinger er stukken afbrak. Volgens verklaring van de timmerman, die de twee vorige reizen met het schip had medegemaakt, was deze boot in Amsterdam verwisseld met een zeer goede boot.
De bezaangaffel, de vorige reis gebroken, was, met een ketting en een eind touw, vastgemaakt en viel op een goede nacht naar beneden, gelukkig zonder ongelukken te veroorzaken.
Onze hutten waren onbewoonbaar; zodra het regende of zeeën overkwamen liep het water er met stralen in; vuile roestige strepen van de lekkage der vorige reis waren overal zichtbaar; blijkbaar waren zij niet eens schoongemaakt; de kooiplank moest de baas timmerman eerst aan elkander schroeven, wijl die stuk was.
De scheepsklok (uurwerk) was vanaf den beginne defect en toen later ook de horologiën van de 1ste en 2de stuurman niet wilden gaan, leende men dat van de heer A. v. D. daar de kapitein geen horologie had, dit ten minste voorgaf.
Gebroken glazen in salon en schijnlicht waren eenvoudig met planken dicht gemaakt; van 2 der leuningen der banken van de kajuit ontbraken de schroeven zodat mijn vrouw, op zekere dag daartegen leunende, met deze achterover viel; de opslagpomp voor water, om het kampagnedek te wassen, was van den beginne af defect; de reddingboeien lagen in een rommelkast en zijn nimmer op het dek geweest. Zodat in de nacht van 30 november op 1 december toen men om reddingboeien riep, deze niet waren te vinden. Als een bewijs van verregaande roekeloosheid en onvoorzichtigheid kan het volgende dienen: Omstreeks een week voor onze stranding, de juiste datum weet ik niet, doch kan in het journaal gezien worden, hadden wij ‘s avonds en ook des nachts onweder, vergezeld van bliksem en donder, zodat mijn vrouw bevreesd werd. Ik stelde haar gerust door haar mede te delen, dat het schip voorzien was van bliksemafleiders. De volgende morgen op het dek komende, zag ik tot mijn verwondering, dat men de ondereinden van de afleider niet had aangehecht en toen ik naar de oorzaak vroeg, kreeg ik ten antwoord, dat men daaraan niet gedacht had. In de apotheek ontbraken de meest nodige middelen.
Volgens het zeggen van de 1ste stuurman, die voor dokter speelde, was de apotheek ditmaal niet aan de wal geweest om te worden nagezien en aangevuld. Zoals uit het journaal kan blijken, hebben wij vanaf 27 september, gedurende ruim 40 dagen bij afwisseling slecht weder of stilte gehad. Gedurende die tijd, zowel als ‘t vorige gedeelte der reis, is de kapitein volgens verklaring van stuurlieden en matrozen nimmer een volle wacht op het dek geweest, maar liet de zorg voor het schip over aan de 2de stuurman, welke zijn eerste reis als tweede stuurman deed, zodat ik de 1ste stuurman meer dan eens heb oren zeggen: Ik durfde bijna deze verlopen nacht het dek niet te verlaten, doch was daartoe gedwongen door vermoeidheid en slaap.
En niet alleen, dat de kapitein slechts ’s nachts sliep, maar ook ’t grootste gedeelte van de dag, ten minste was hij dan in zijn hut, de deur gesloten, en had ons verboden hardop in de kajuit te spreken, te fluiten, muziek te maken of enig geraas te veroorzaken.
Zodra soms het een of ander gebeurde, kwam onmiddellijk de particuliere bediende van de kapitein, de Javaanse baboe Sarinah genaamd, ons waarschuwen. Sist, sist, sist, de kapitein slaapt.
Overigens was het gedrag van de kapitein gedurende de reis beneden alle kritiek. Zo vroegen wij in den beginne of er geen gelegenheid was of gemaakt kon worden, om zeebaden te nemen, en werden wij verwezen naar de grote of slagbali bij het galjoen. Onze voeding bestond uit scheepskost; wat de matrozen aten, dat aten wij ook; en was dit nu nog maar goed geweest. Doch het eerste vat zoutvlees stonk zodanig, dat de matrozen het niet wilden eten en het merendeels over boord wierpen. Twee maal in de week werd een blikje verstrekt, doch ook deze waren gedeeltelijk bedorven; de rolpens, die wij enige malen op tafel kregen, stonk zo geweldig, dat de derde stuurman, die het vaatje openmaakte, daarvan misselijk werd; ons brood bestond uit hard scheepbrood (kajuitbrood genoemd); de scheepsjongen, die dienst deed als hofmeester kon geen brood bakken; verder was alles wat op tafel kwam even vuil; lepels, vorken en messen waren dikwijls groen en verroest; het tafellaken is gedurende de reis slechts 2 à 3 malen verwisseld, zodat het doorgaans een Izabelle kleur had, de koffie en thee werden in een grote koperen ketel gemaakt en daaruit aan ons en de stuurlieden geschonken.
De kapitein dronk gedurende een groot gedeelte van de reis afzonderlijk koffie uit een filtreerkan; melk en suiker werd ons toebedeeld door baboe Sarinah en wel zo karig, dat wanneer wij een tweede kopje vroegen, wij dit dikwijls zonder melk of suiker kregen; ook gebeurde het meermalen, dat wij geen tweede kopje konden krijgen, doordien de kapitein steeds een ½ uur voor de bepaalde tijd begon te drinken, 4 maal daags werd de tafel gedekt, ’s morgens om 8 uur was het gorttafel, ’s middags om 12 uur hard brood en koffie, omstreeks half 3 scheepskost, waarbij alles werd klaar gemaakt met reuzel, boter is gedurende de reis niet gesmolten, zelfs bij de stokvis, die wij in de beginne iedere vrijdag aten werd mosterdsaus van gemalen mosterdzaad zonder boter verstrekt; ’s avonds om 7 ½ uur werd nogmaals de tafel gedekt voor koffie en hardbrood, dit hardbrood was gedurende de laatste tijd voor meer dan de helft beschimmeld, daar het op ’t vat gelekt had. In het begin van de reis kwam de kapitein nog weleens aan tafel, uitgezonderd ’s morgens, doch later kwam hij alleen aan de zogenaamde middagtafel en niet zelden gebeurde het, dat hij daarvan wegbleef. Verreweg het grootst gedeelte van de tijd liet hij zich in zijn een extra maaltijd welgevallen; waaruit die bestond zullen de 3de stuurman en hofmeester het beste weten; meermalen heb ik gezien, dat de derde stuurman witte bonen voor de kapitein afzonderlijk aan de hofmeester verstrekte. Eens, toen ik hem vroeg, voor wie die bonen bestemd waren, kreeg ik ten antwoord: voor de varkens.
In mijn contract met de heer Victor was uitdrukkelijk onder anderen bedongen: eten aan de kapiteinstafel. Onverklaarbaar zijn mij de woorden ons door de kapitein toegevoegd op 29 september jl., toen wij juist stormweder hadden. De heer v. D., een paar bundels vuil linnengoed in de Salon ophangende, wijl de muizen in onze hut die begonnen op te eten, kwam de kapitein eensklaps naar beneden en voer verschrikkelijk uit tegen die heer hem uitscheldende voor kwade jongen en hem beschuldigende, dat hij spijkers had geslagen om de goederen op te hangen, hetgeen onwaar was; hierop de kajuit verlatende, schreeuwde hij ons toe: “Ik heb wel gehoord heren, dat gij mij bij aankomst te Soerabaia in de kourant wilt laten zetten, maar je bent nog niet te Soerabaia je bent er nog niet; er komt eerst nog heel wat anders kijken, dat verzeker ik je.”
Dikwijls heb ik over de betekenis dier woorden nagedacht en er met mijn vrouw over gesproken, doch zonder resultaat. Thans komen mij echter die woorden voor een verschrikkelijke betekenis gehad te hebben. De heer A. v. D. zijn ’s daags voor de schipbreuk door de kapitein hoogst onterende beschuldigingen naar het hoofd geworpen, ten aanhore van velen van het scheepsvolk en ook ten aanhore van mij. Toen het schip aan de grond liep en ook later heeft de kapitein zich niet een verwaardigd de passagiers te waarschuwen en zat hij reeds met het merendeel der bemanning in de boot, toen de 2de stuurman ons die nog steeds in de kajuit waren, kwam waarschuwen. Ook na de stranding heeft de kapitein zijn plicht verzaakt; herhaalde malen zijn stuurlieden en matrozen nog naar het wrak gegaan, maar de kapitein vond het verkiezelijker zich naar het huis van de kapala kampong, omstreeks een half uur meer landwaarts in te laten dragen, voorgevende enige ribben te hebben gebroken hetgeen onwaar is, daar de militaire geneesheer Ritsema te Banjoewangie, welke de eerste geneeskundige hulp aan de kapitein heeft verleend, verklaarde en bereid is om zulks schriftelijk te doen, dat kapitein Vogelsang slechts enige zeer oppervlakkige schrammen in de opperhuid heeft bekomen.
Nog iets. Toen kapt. Schuld van de BANDA NEIRA omstreeks 6 à 10 uur van de 1 december bij ons kwam, vroeg hij ons naar onze bagage, denkende, dat die reeds aan wal was; vernemende, dat dit niet het geval was, sloeg hij de kapt. V. voor om geassisteerd door enige matrozen met zijn sloep naar het wrak te gaan en onze bagage af te halen; het was toen nog tijd geweest om alle onze goederen te redden, daar zich op dat tijdstip nog geen Balinezen op ’t wrak bevonden. Dit werd door kapt. V. afgeslagen, zeggende: “Breng maar de passagiers naar uw schip, ik zal wel voor de bagage zorgen.” Op deze beloften vertrouwende, gingen wij met kapt. Schuld in zijn sloep naar de brik BANDA NEIRA; ’s avonds van die dag hoorden wij, dat alle onze goederen en ook het merendeel van dat der matrozen door de Balinezen was geroofd.
Wel zijn ‘s avonds omstreeks 4 à 5 uur de beide stuurlieden en enige matrozen naar het wrak gegaan, doch vonden bij hun komst aldaar alle kisten en koffers, opengebroken en was alles spoorloos verdwenen; de kapitein zelf is nimmer op het wrak geweest.
Op die wijze heeft dus de kapitein voor onze bagage gezorgd. En nu voorlopig genoeg; mocht mij soms later nog het een of ander meldingswaardig invallen, zo zal ik u zulks mededelen.
Gaarne wilde ik, indien daartoe enige termen mochten bestaan, protest aantekenen tegen de handelingen van kapt. V.


08 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Volgens telegram van Batavia, is het Nederlandse schip
’s-GRAVENHAGE, kapt. De Vries, door een cycloon belopen en aldaar met gebroken roer en zwaar lek teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 7 januari. De reddingboot van het loodswezen aan de Hoek van Holland, alhier aangekomen, rapporteert dat het stoomschip GRONINGEN tussen de Maas en de Waterweg aan de grond zit.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 7 januari. De reddingboot is van hier naar het aan de grond zittende stoomschip GRONINGEN vertrokken. De sleepboot ZIERIKZEE heeft door de hoge zee tevergeefs beproefd het schip te naderen. Volgens later bericht is de reddingboot niet bij de GRONINGEN kunnen komen. De sleepboot ROTTERDAM is mede derwaarts vertrokken. (opm: het schip was leeg onderweg van Antwerpen naar Rotterdam, na een dokbeurt in Antwerpen)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 29 november. De volgende schepen zijn hier bevracht: CATO, kapt. Vuyk, naar Bordeaux, TWEE GEBROEDERS, kapt Kok Houwink, naar Falmouth voor order, en JACATRA, kapt. Dirksen, naar Antwerpen, beide voor Sh.27/6 en 5%.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 december. Vrachten. De stilte welke er in het algemeen in zaken heerst en voornamelijk te weeg gebracht wordt door de storing in de telegrafische gemeenschap met Europa, bleef niet zonder invloed op onze vrachtenmarkt. Weinig exporteurs zijn genegen hun product te verschepen dan tot zeer lage cijfers, doch hoewel er zeer weinig afdoeningen te vermelden zijn werd er geen suiker onder NLG 57,50 voor Nederland aangenomen. Naar Het Kanaal werd GBP 3 voor handige schepen en GBP 2.10/- voor een groot schip besteed. Naar Australië is thans niet meer dan GBP 1.10/- naar Melbourne bedingbaar; voor San Francisco werd een schip opgenomen tot GBP 3.5/-. Voor Perzië en China is hoegenaamd geen vraag. Men is genegen schepen op te nemen voor rijst van Saigon naar Java, doch tot zulke lage koersen, dat zij tot afdoeningen geen aanleiding gaven. Stoomschepen hebben zeer veel moeite om lading te verkrijgen en het aanwezige wordt tot lage vrachten verscheept.
De laatste afdoening is naar Nederland: TWEE CORNELISSEN à NLG 60 voor suiker en koffie van Tjilatjap naar Rotterdam.
In lading hier en op de kust: de Nederlandse stoomboot PRINSES AMALIA, CELEBES, FERDINAND EN LOUIS, WILHELMINA CLARA, CORNELIS SMIT, TWEE GEZUSTERS, FRIESLAND.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Veendam op woensdag 5 januari:
Het schoenerschip HINDERIKA, groot 151 ton, gebouwd in 1864, kapt. R. Struijs, NLG 7.200. R. Slotema, Ulrum.
(opm: volgens bijlbrief HENDRIKA, geb. in 1863)


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 7 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn te Nieuwediep binnengekomen 1.771 geloodste schepen en stoomboten en vertrokken 1.531 schepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 3 januari. De Nederlandse schoener CATHARINA, kapt. Lesstuiver, van Dantzig naar Emden, is uit de Noordzee teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Kiel overwinteren de Nederlandse schepen FEIKA, kapt. Koops, en CHRISTINA ALIDA, kapt. De Jong.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 6 januari. Volgens heden bij de rederij ontvangen telegram was het schip VRACHTZOEKER, kapt. Vellenga, wegens tegenwind te Plymouth gearriveerd. Alles wel aan boord, 93 dagen reis van Batavia.


  JB - Javabode

Batavia, 8 januari. De stomer BRISBANE, behorende aan de Eastern & Australian Line, is in Straat Flores gestrand. Lading en opvarenden zijn gered.


09 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wildervank, 8 januari. In de herfst van het vorig jaar is melding gemaakt van de edelmoedige redding van de manschap van het Geestermünder schip MARGARETHA, met levensgevaar volbracht door de kapitein en de equipage van het Veendammer schip DE ZWALUW. Wegens die redding heeft thans de Keizer van Duitsland de volgende onderscheidingen toegekend: Aan kapt. J.B. Brongers, gezagvoerder van DE ZWALUW, een verrekijker met inscriptie; aan de stuurman Pieter van Doorn een gouden zakhorloge, versierd met het naamcijfer en kroon van Z.M. de Keizer; aan H. Ruben en Gerrit Orsel, matrozen en Jan Stand, kok, een beloning in geld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 8 januari. De stoomboot GRONINGEN zit hoog op het strand, zij is hedennacht door de equipage verlaten, welke gered is door de reddingboten van Brielle en van het loodswezen aan de Hoek van Holland, zomede door de slampampersloep van B.C. Weltevrede van Maassluis. Naar men verneemt was bij het verlaten reeds water in het schip.
De sleepboten ZUID-HOLLAND, ZIERIKZEE en ZEELAND zullen bij betere waterstand trachten het schip af te brengen.
Later verneemt men dat de gezagvoerder en een gedeelte van de equipage per stoomboot ZEEMEEUW weer naar de stomer GRONINGEN zijn vertrokken.
Enige scheepsgoederen van de GRONINGEN zijn alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aangaande het Nederlandse schip CATHARINA RICARDI, kapt. J.R. Koekkoek, de 16e november van Oostmahorn naar Goole vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Point de Galle, 15 december. De gezagvoerder van het schip MONARCH, alhier van Cardiff gearriveerd, rapporteert de 3e november op 42º ZB 46º OL een Nederlands schip gepraaid te hebben, met bestemming naar Java, tonende de letters PVWS ? (waarschijnlijk het Nederlandse schip UTRECHT, als voerende het signaal PVWF), met brand in de lading. Hij bleef op verzoek van de gezagvoerder de gehele dag bij het schip, doch verloor het de volgende dag te 12 uur uit het gezicht. Waarschijnlijk was de brand geblust, want het schip vervolgde met volle zeilen de reis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 31 december. Het stoomschip IRENE, naar Amsterdam bestemd, is alhier ingevroren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 december. Men heeft tevergeefs beproefd de specie en lading van het bij de Noordwachter gezonken stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN te bergen, doch zal men nogmaals met andere duikers en toestellen een poging doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 6 januari. Volgens telegrafisch bericht is het Nederlandse schip ENTREPRISE II, kapt. Mulder, de 14e december van New Orleans met 2.073 balen katoen en 2.403 duigen herwaarts vertrokken, op het Colorado Rif ten NO van Cuba gestrand. Het schip is waarschijnlijk verloren.
(opm: fregat, geb. in 1858)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 6 januari. Volgens telegrafisch bericht, is het Nederlandse schip THORWALD, kapt. Gunderson, 21 december van New Orleans naar Havre vertrokken, te Bahia Honda op de noordkust van Cuba gestrand.
(opm: onjuist, zie vooral PGC 190276; dit is de bark THORVALD, gebouwd in 1849. Later in het jaar gestrand op ; zie NRC 270776)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin, 3 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier aangekomen 2.466 schepen, waaronder 72 Nederlandse.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Danzig, 3 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier aangekomen 1.669 schepen, waaronder 109 zeilschepen en 17 stoomschepen onder Nederlandse vlag.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 8 januari. De rivier is overdekt met drijfijs zodat de vaart voor zeilschepen gestremd is. Ook verscheidene opvarende stoomboten hebben de dienst gestaakt. De Staatsspoorboot vaart nog geregeld; de binnenvaart is gesloten.


10 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op donderdag de 27e januari 1876, des avonds te 7 uur, in het hotel De Unie te Veendam, tegen contante betaling, publiek verkopen het in 1874 nieuw gebouwde kopervaste en in 1875 nieuw gekoperde schoenerbrikschip genaamd NEWA, groot 233 zeetonnen, in 1874 voor negen jaren bij Veritas geclassificeerd 3.3.1.1, thans liggende in het Prince-dok te Liverpool, met diens complete inventaris, invoege het tot op heden bevaren is geweest door kapt. M.H. Drenth.
Nadere informatiën bij kapt. H.T. Drenth en bij de firma K. & J. Wilkens te Veendam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 9 januari. Het zuidelijke zeehoofd van het Noordzeekanaal heeft haar volle lengte van 1.528 meter bereikt. Woensdag jl. werd deze overwinning op de elementen door het uitsteken van de Nederlandse en Engelse vlaggen aangekondigd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 9 januari. Men schrijft ons uit Vlissingen:
De nieuwe aanlegplaats te Queenborough voor de boten van de Maatschappij Zeeland is, naar wij vernemen, thans geheel voltooid. Alleen is men nog bezig met enige molens te baggeren, om een ondiepte in de nabijheid van het hoofd op te ruimen.
Twee stoomschepen van de Maatschappij liggen hier in de haven en zijn geschikt onmiddellijk te varen, wanneer dit door aanhoudend vriezend weer wordt wenselijk geacht. Het derde, de STAD MIDDELBURG, is nog in Engeland in reparatie; in elk geval zal de geregelde dienst, naar wij vernemen, weder de 1e maart worden geopend.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. P.J. Vos, makelaar te Delfzijl, zal, ten overstaan van notaris Jentink, ten verzoeke van de kapitein H.A. Post te Farmsum, op vrijdag de 28e januari 1876, des avonds te 7 uur precies, ten huize van A. Borst, waarman te Delfzijl, publiek verkopen het Nederlandse kofschip GEESSIEN DE WITT, lang 22 meter, 90 decimeter; wijd 4 meter, 34 decimeter; hol 2 meter, 26 decimeter, en over zulks gemeten op 100 zeetonnen, met al deszelfs opgoed en toebehoren, thans liggende bij de scheepstimmerwerf De Phoenix, onder Farmsum. Inmiddels uit de hand te koop.
Informatiën ten kantore van de makelaar opgemeld en bij de gezagvoerder.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van de werf van de scheepsbouwmeester J. Kars te Oude Pekela is donderdag (opm: 6 januari) met goed gevolg te water gebracht het nieuw gebouwde tjalkschip WILLEMINA, groot pl.m. 115 ton, zullende bevaren worden door schipper B. Aukes te Groningen.

NRC 110176
Rotterdam, 10 januari. Volgens bericht is het stoomschip GRONINGEN nog steeds dicht en ligt voor twee ankers. Men is druk bezig met de werkzaamheden en heeft het schip reeds vijf streken rond gekregen.


11 januari 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J. Fresemann Viëtor, notaris te Winschoten, zal dinsdag 18 januari 1876, om 6 uur, bij D. Glim te Zuidbroek, publiek verkopen het Nederlandse kofschip EETINA, groot 102 ton, thans liggende te Harlingen, laatst bevaren door kapt. K. Dijk. De inventaris is op franco aanvrage bij de notaris verkrijgbaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het wel onderhouden Engelse barkschip ST. JOSEPH, ,groot 331 registertonnen, geclassificeerd bij de Amerikaanse Lloyds en gebouwd te Liverpool in het jaar 1851, thans liggende te Londen.
Nadere informatën en inventaris te bekomen bij C. Roggenkamp E.Hzn. te Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 januari. Van het smakschip CATHARINA RICARDI, kapt. J.R. Koekkoek, van hier naar Goole, de 16e november j.l. van Oostmahorn vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Reval, 30 december. Het stoomschip IRENE, naar Amsterdam bestemd, is hier ingevroren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Dantzig overwintert het daar voor noodhaven binnengelopen Nederlandse schip JOHANNA MARGARETHA, kapt. Jonker.


12 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Het stoomschip GRONINGEN is een scheepslengte vooruitgekomen, doch er ontbreekt nog bijna twee voet water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 8 januari. Het Nederlandse stoomschip BORDEAUX, kapt. Schulz, van Rotterdam naar Bordeaux op Ile d’Yeu gestrand, is geheel wrak. Een gedeelte van de lading is gered.


  JB - Javabode

De 8e november (opm: 1875) was Zr.Ms. stoomschip DELI van Atjeh vertrokken ter opsporing van het vermiste ziekentransportschip SALAK van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij. Na te vergeefs verscheidene eilanden en reven onderzocht te hebben, ontmoette de DELI op de 12e november ongeveer op de hoogte van Nias het stoomschip KONING WILLEM III en kort daarop het stoomschip VICE-ADMIRAAL FABIUS. Aan boord van laatstgemelde bodem werden aangetroffen de gezagvoerder en een gedeelte der bemanning van de SALAK, benevens de troepen, die daarop geëmbarkeerd waren. Volgens mededeling van de gezagvoerder was in de nacht van 28 op 29 oktober de SALAK op Poeloe Sendrangen-Ketjil, een de Nakko-eilanden, gestrand, waar het wrak later door de DELI werd gezien. De vorengemelde troepen van de VICE-ADMIRAAL FABIUS werden vervolgens overgegeven aan de KONING WILLEM III, ten einde daarmede naar Padang teruggevoerd te worden.


13 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, ten overstaan van de notaris S. van Dorsser, bij veiling en afslag in één zitting op zaterdag 15 januari 1876, ’s voormiddags om 11½ uur, in het koffiehuis van E. Mahne, aan het vlak te Dordrecht, van: een sterk en goed onderhouden tjalkschip genaamd ANGENIETA MARIA, groot 42 ton, met daarbij zijnde inventaris; zodanig als het thans is liggende te Dordrecht, aan de Knolhaven. Dagelijks te bezichtigen, mits daartoe vervoegende bij de brugwachter, aan de Lange IJzeren brug te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 10 januari. Heden is op de werf van de Wed. C. Boele en Zonen de kiel gelegd van de schroefsleepboot NIEUWE MAAS, voor rekening van de heren Kalis & Co. te Sliedrecht. De machine wordt vervaardigd bij de heren Burgerhout & Kraak te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oude Pekela, 12 januari. Gisteravond had hier een feestelijke vergadering plaats van ons Zeemanscollege De Trouw, ter herinnering aan het 25-jarig bestaan.
De talrijke opkomst van onze zeelieden en van ingezetenen, die met de zeelieden in betrekking staan, getuigde van grote belangstelling in deze bloeiende en nuttige inrichting. Uit het uitvoerig verslag van de secretaris bleek, dat het College gedurende de 25 jaren van zijn bestaan aan 151 minvermogende jongelingen renteloze voorschotten heeft verleend voor een eerste uitrusting naar zee en dat een tal van deze jongelingen, van welke enigen het tot de rang van kapitein en stuurman hebben gebracht, degelijke flinke mensen zijn geworden.
Aan het College is ook een fonds voor weduwen en wezen verbonden en uit dit fonds is aan 40 weduwen een som van NLG 20.000 uitgekeerd, terwijl de reservekas ook nog ongeveer NLG 20.000 bedraagt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 januari. Volgens telegram uit Batavia is de mail van het bij de Noordwachter gezonken stoomschip WILLEM, KROONPRINS DER NEDERLANDEN geborgen. (opm: zie PGC 170176)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 12 januari. Het stoomschip GRONINGEN is niet vlot gekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nantes, 8 januari. Volgens bericht uit Joinville, d.d. 2 dezer, bevond kapt. Schultz van het gestrande Nederlandse stoomschip BORDEAUX zich nog op de strandingsplaats, om toezicht te houden bij de verkoop van het geborgene gedeelte van de lading.


14 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 13 januari. Niettegenstaande assistentie van de sleepboten ZUID-HOLLAND, HELLEVOETSLUIS, ZIERIKZEE, ZEELAND en ZEEMEEUW, is het stoomschip GRONINGEN is niet vlot gekomen. De lichter derwaarts vertrokken, komt onverrichter zake terug. Volgens later bericht heeft de equipage de GRONINGEN verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 10 januari. Volgens telegram uit Havana is het op Colorado-rif gestrande Nederlandse barkschip ENTREPRISE II (ex-BILDERDIJK), kapt. Mulder, van New Orleans naar Havre bestemd, bezig met de lading te lossen en verwachtte men die geheel te kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Elisabeth, 11 december. De 183 zakken koffie, ex-het Nederlandse schip MINISTER FRANSEN VAN DER PUTTE, alhier verkocht, zijn naar Boston verscheept per ANNA L. TAYLOR.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het kofschip MARTHA, groot 103 ton, te bevragen bij J. Kremer te Appingedam.


15 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 14 januari. De stoomboot GRONINGEN is hedennacht gedraaid en zit nu met de voorsteven naar het zuiden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop à contant het galjootschip MARIANNE, groot 105 ton, gebouwd in 1866, geclassificeerd 3.3.1.1. Veritas tot april 1876.
Te bevragen bij K.G. Munneke te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Havre, 9 januari. Het comité van assuradeurs alhier heeft heden van zijn agent te Havana een telegram ontvangen van de volgende inhoud:
Volgens de laatste berichten van Colorados was men bezig de lading van het gestrande schip ENTREPRISE II, kapt. J.B. Mulder, van New Orleans, te lossen en hoopte men de gehele lading te zullen bergen.
Het bericht wegens de stranding te Bahia Honda van het Nederlandse schip THORWALD, van New Orleans, heeft zich tot heden nog niet bevestigd. (opm: zie PGC 190276)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoekzijl, 10 januari. Hier overwintert de Groninger eenmast kof FROUKJE DIJKSTRA, kapt. S. van Dijk.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Memel overwinteren 52 schepen, waaronder de zeilklare Nederlandse schepen WILLEMINA ANTINA, kapt. De Boer uit Pekela, MINERVA, kapt. Wekenborg uit Sappemeer, DOEGJEN DIJK, kapt. Riepma uit Appingedam, en JAN ROELOF, kapt. Boekhold uit Nieuwe Schans.


16 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 januari. Volgens bij de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip KURKHANDEL, kapt. Den Boogert, de 13e dezer te Lissabon behouden aangekomen. Negen dagen reis, alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 15 januari. De stoomboot CASTOR zit in de Hoorn tegen de Noordwal, is in aanvaring geweest met het stoomschip LORD BYRON. Volgens later bericht is de stoomboot CASTOR in vlot water geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 15 januari. Het stoomschip GRONINGEN zit vol water. Een gedeelte der inventaris wordt per sleepboot ZIERIKZEE hier gelost.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 januari. De geborgen mail van het verongelukte stoomschip WILLEM, KROONPRINS DER NEDERLANDEN, is te Batavia aangebracht. Het weer is gunstig en men hoopt dat de specie en andere goederen van waarde door de duikers zullen opgevist worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 januari. De Nederlandse stoomboot CASTOR, hedennacht vastgeraakt, is aangevaren door de Engelse stoomboot LORD BYRON en moet te Rotterdam repareren. In de rivier is weinig drijfijs.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 14 januari. Volgens bij de rederij ontvangen telegrafisch bericht, is het Nederlandse schip ANGELIQUE ALETTE, kapt. A. Poldervaart, 13 dezer behouden te Lissabon aangekomen; negen dagen reis. Alles wel aan boord.


  AH - Algemeen Handelsblad

Maassluis, 14 januari. Door de oostenwind is het ijs in de rivier in het Zuiden opgehoopt, vandaar is hier weinig drijfijs. De stoomboot ANNA PAULOWNA wordt gelicht.


17 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 15 januari. De stoomboot ANNA PAULOWNA is, na gelicht te zijn, vlot en opgestoomd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Koningsbergen, 12 januari. Alhier overwinteren de volgende Nederlandse schepen: BURGEMEESTER VAN SETTEN, kapt. Braam; ESPERANCE, kapt. Beekman; NICOLA VAN BAARLE, kapt. Nijman; TWEE GEBROEDERS, kapt. Hesseling; GEERTINA BERENDINA, kapt. Dijkstra en ANJE MUNNING, kapt, Munning.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Tot diepe droefheid van mij en mijn verdere betrekkingen overleed heden, na een korte ongesteldheid, mijn hartelijk geliefde echtgenoot Jacob van Loenen, rustend koopvaardijkapitein, in de ouderdom van bijna 59 jaren.
Amsterdam, 12 januari 1876, Wed. J. van Loenen, geb. Siebrasse.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 12 januari. Hier zijn aangebracht 11 zakken, inhoudende de mails ex-WILLEM KRONPRINS DER NEDERLANDEN. Verdere pogingen tot berging worden voortgezet. Het weder is gunstig en men hoopt, dat de specie en andere goederen van waarde door de duikers zullen opgevist worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 10 januari. Ten gevolge van de aanhoudende strenge winter gaat in bevrachtingen niets om. Om a.s. voorjaar te laden is slechts een hier lggend schip bevracht tot Sh.36/- per standaard planken naar Grangemouth. Voor elders liggende schepen durft men de koersen om op het voorjaar te laden, niet hoger stellen dan tot Sh.22/- per load naar de kolenhavens en Sh.15/- per dito naar Londen. Van voordeel kan bij deze koersen geen sprake zijn, doch men kan voor de eerste reis geen gunstiger vooruitzicht openen, want al is ook het aantal hier overwinterende schepen (33) klein te noemen, zo liggen toch in de meeste Oostzeehavens zeer vele schepen.


18 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 17 januari. Per sleepboot ZIERIKZEE zijn van de stoomboot GRONINGEN weer enige goederen hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 januari. Zr.Ms. schroefstoomschip ARUBA, liggende aan ’s Rijks marinewerf alhier, is heden ochtend in dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 9 december. Vrachten. Omtrent de markt is niets bijzonders op te geven; de afsluitingen waren sedert ons laatste bericht buitengewoon beperkt.
In lading hier en op de kust, naar Nederland: het Nederlandse stoomschip PRINSES AMALIA, en de zeilschepen FERDINAND EN LOUIS, WILLEMINA EN CLARA, TWEE GEZUSTERS en CORNELIS SMIT.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: GIJSBERTUS HERMANUS, NICOLETTE, MAIBIT, IJMUIDEN, JOHANNA, ARIA EN BETSY, UTRECHT, en de Nederlandse stoomschepen BORNEO en CELEBES.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Veendam, op vrijdag 14 januari: het galjootschip ALIDA, groot 146 ton, gebouwd in 1862, kapt. J.D. v.d. Veen. NLG 7.300,-. Opgehouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. R.A. Quintus, notaris te Groningen, zal op donderdag de 27e januari 1876, des avonds te 7 uur, ten huize van de kastelein Janssen, aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht een best onderhouden tjalkschip genaamd JANTINA, groot 54 tonnen, met de daarbij aanwezige, zo goed als nieuwe boot en verder opgoed en toebehoren, zo als het door de eigenaar P. de Jong is bevaren en thans is liggende in de gracht buiten de A-poort te Groningen. Om te aanvaarden dadelijk na de toeslag. Te bezien dagelijks.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op dinsdag de 8e februari 1876, des avonds te zeven uur, in het hotel Everts te Veendam, ten verzoeke van zijn principalen, publiek verkopen: het in den jare 1864 nieuw gebouwde kopervaste en gekoperd schoener-brikschip, genaamd BURGEMEESTER DANNENBORGH, groot 158 zeetonnen, liggende bij de werf van de heren Bok & Zoon te Amsterdam, geclassificeerd bij Veritas 3_3_1_1, met al diens opgoederen en toebehoren, hoe ook genaamd, invoege het tot op heden bevaren is geweest door kapt. N.J. Visker.
Nadere informatiën te bekomen bij de heer W.A. van Laer en bij kapt. N.J. Visker opgenoemd, beide te Zwolle.


19 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 18 januari. Van de stoomboot GRONINGEN zijn 1 barkas, 2 sloepen en enige provisie hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Volgens bij de rederij ontvangen telegram van de Nederlandse consul te Plymouth is het Nederlandse barkschip VRACHTZOEKER, kapt. Vellenga, de 17e dezer van daar vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ryde, 15 januari. Het driemast schoenerschip CITADEL van de Zwarte Zee naar Rotterdam, is alhier met verlies van zeilen ten anker gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 december. Het Nederlandse schip LOUISE, kapt. Vogelsang, van Texel naar Soerabaija, is de 30e november bij Bali Tafelhoek gestrand, waarbij twee man verdronken. De rest der equipage is gered. Het schip is als verloren te beschouwen daar het in handen is van een Balinees vorst; de lading zal gedeeltelijk geborgen worden, doch is zwaar beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Maassluis. Vrijdag 28 januari 1876, ten 11 ure, zal aan de zuidzijde van de haven te Maassluis, publiek worden verkocht: Het casco van het Engelse stoomschip FORTH, laatst gevoerd door kapt. Halfpenny, zodanig als het zich bevindt in de Waterweg van Rotterdam naar zee; op de zogenaamde West; alsmede: 18 stuks ijzerdraad, 5 stuks ijzer, een mast, een schijfblok, een giek, 5 stukjes touw, 10 blokken, 8 stuks koper, een stuk ketting, een stuk rondhout met ijzer, deelstukken, zeildoek, 8 seinlichten, 1 vat olie, 2 balen manufacturen, halfblok, een stuk reling, wrakhout, vlag, blokken met ketting en touwwerk, zeil, 2 ankers.
Informatiën ten kantore van de heer M. Dirkzwager Gz. en bij notaris Mr. L. Reeser, te Maassluis.


  AH - Algemeen Handelsblad

Middelburg, 17 januari. Gedurende het afgelopen jaar zijn aan de loskade alhier aangekomen, zowel om te lossen als om te laden 28 fregatten en barken, 8 stoomschepen en 28 brikken, schoeners en koffen, dus tezamen 59 zeeschepen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Onderhandse verkoping van schepen: Het Nederlandse barkschip MARIA, groot 1.062 tonnen, gebouwd in 1855, aan de heer Brantjes te Purmerend en het Nederlandse brikschip TEXEL, groot 195 tonnen, gebouwd in 1853, aan de heer A.J. Smaal te Delfzijl; beide door tussenkomst van de makelaar Ed. C.A. Koli.


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag in de tweede helft van februari zal publiek worden verkocht het Nederlands-Indische barkschip ELIZE, kapt. Laurens, groot 592 ton. Inmiddels uit de hand te koop.
Informatiën te bekomen bij de heren Koning & Co. te Soerabaija en bij de eigenaren C. Maarschalk & Co., Probolingo.


  JB - Javabode

Volgens een de 6e dezer ontvangen bericht van de resident van Timor, is de 31e december 1875 het mailstoomschip BRISBANE, komende van Australië en bestemd naar Singapore met onder andere 270 Chinezen aan boord, gestrand op het rif Angelika, omstreeks 40 mijlen van Flores en 20 van Larantoka. De resident had zich daarheen begeven ten einde de nodige hulp te verlenen, ook tot behoud van het schip, dat een rijke lading moet inhouden. De 6e dezer kwamen de van genoemd schip afkomstige schipbreukelingen per stoomschip MENADO te Soerabaija aan, van waar zij de reis naar Singapore zouden voortzetten.


20 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

West Cowes, Isle of Wight. 17 januari. De Nederlandse schoener NICOLAAS FRANS, kapt. De Groot, van Bo'ness naar Livorno met kolen, 13 hier binnengelopen met verlies van de voorsteng, veroorzaakt door zwaar stormweer na het vertrek van Bo’ness.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 6 januari. Het Nederlandse stoomschip MAAS, kapt. Chevalier, gisteren alhier van Rotterdam aangekomen, had 25 december zwaar stormweer ondervonden, waarbij door een stortzee twee boten overboord werden geslagen en andere schade werd veroorzaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. In de loop van de maand februari, de juiste dag nader te bepalen, zal publiek te Dordrecht verkocht worden het Nederlands schoenerschip BIESBOSCH, thans liggende te Gent; laatst gevoerd door kapitein J.A. Vogelsang; groot volgens meetbrief 109 tonnen, zeer geschikt voor de kolenvaart. Gemeld schip is inmiddels uit de hand te koop.
Te bevragen bij de heer J.A. de Boer, Nieuwehaven, te Dordrecht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Ter Neuzen, 17 januari. Gedurende het jaar 1875 zijn alhier binnen gekomen, bestemd voor Gent en tussenliggende plaatsen, 412 zeeschepen, tegen 496 in het jaar tevoren; en heeft het getal binnen- of rivierschepen, welke in 1875 alhier binnenkwamen en het kanaal opvoeren, 4.117 bedragen, tegen 3.558 in het vorige jaar. Aan het spoor alhier hebben in 1875 gelost of geladen 171 zeeschepen, tegen 209 in het jaar tevoren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Voorlopig bericht. Op nader te bepalen tijd en plaats zal publiek worden verkocht het schoenerschip genaamd ELSIEN HAGENUS, liggende te Delfzijl; gevoerd geweest door wijlen kapt. Jurrien Stenger.
Inmiddels uit de hand te koop bij G. Stenger te Farmsum.


21 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Heden is met goed gevolg van de werf De Nachtegaal van de scheepsbouwmeester W.H. Meursing, te water gelaten het composiet clipper-barkschip
SLAMAT, groot ongeveer 750 Java lasten, gebouwd voor rekening van de heren A. Hendrichs & Co.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 18 januari. Het schip GEERDINA, kapt. M. Stuut, van Brugge naar Randers bestemd, is de 5e dezer wegens de strenge vorst en aanhoudende oostenwind in een noodhaven binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Messina, 14 januari. De Nederlandse schoener ANNA, kapt. Korfker, is hedenochtend de Straat gepasseerd, van Amsterdam naar Ancona met suiker bestemd. Alles wel aan boord.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 19 januari. Volgens bij de rederij ontvangen telegrafisch bericht heeft het schip SUNDA, kapt. Overgaauw, na volbrachte reparatie te Sydney, de 4e dezer de reis naar Singapore vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Rugenwalde overwintert het daar in averij binnengelopen schip ANNA DOUMA, kapt. Slager.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dinsdag 1 februari 1876, des avonds te 7 uur, zal ten verzoeke van de scheepskapitein E.P. Brouwer, ten huize van de kastelein G. ter Steeg te Delfzijl, publiek worden verkocht het onder Nederlandse vlag varende brikschip, genaamd JAN EN JACOB, met deszelfs opgoed en toebehoren, groot 236 tonnen, geclassificeerd bij de Germanischer Lloyd tot maart 1877 B.1, thans liggende in de haven te Delfzijl.
Voorts een chronometer.
Informatiën ten kantore van de scheepsmakelaars Pott en Smaal te Delfzijl en bij de gezagvoerder te Farmsum.
J.C. Jentink, notaris te Delfzijl.


22 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De ondergetekenden, passagiers van het schip KOSMOPOLIET II, op de reis van Batavia naar Nederland, betuigen hun hartelijke dank aan de kapitein Huizer voor zijn welwillende behandeling en de moeite, welke hij zich gegeven heeft, om hun het verblijf aan boord te veraangenamen.
Mevr. A.P. Nosée, C. Vinju en echtgenote, J.H.M. Jansen, W. Horema Siccema.
Brouwershaven, 20 januari 1876.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Kapt. Diepenbroek, voerende het clipper-barkschip SINDORO, 17 dezer van Java te Nieuwediep aangekomen, rapporteert dat hij 6 januari Lizard passeerde, wind OZO, hebbende toen 91 dagen reis van Passaroeang en 82 dagen reis van Straat Sunda. Sedert die tijd kruiste hij tot Texel met harde oostelijke wind.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 18 december. Vrachten. Sedert de vorige mail werden de volgende Nederlandse schepen bevracht: JOHANNA naar Saigon om rijst naar Java te laden à NLG 0,57 per picol; ARIA EN BETSY naar Amsterdam à NLG 55 voor suiker te Tagal te laden; MAIBIT, naar Rotterdam NLG 57,50 voor suiker te laden te Patjarakan en NLG 30 voor particuliere tin te Batavia; CORNELIS SMIT, naar Rotterdam, gedeeltelijk bevracht voor de Nederlandsche Handel Maatschappij en particulier NLG 30 voor tin en NLG 50 voor koffie; de WILLEMINA EN CLARA naar Amsterdam dito dito en NLG 40 voor tabak aan de oostkust; NICOLETTE, naar Amsterdam ligt aan à NLG 57,50 voor suiker te Soerabaja te laden; het stoomschip PRINSES AMALIA naar Nieuwediep NLG 75 à NLG 85 voor koffie, NLG 80 à NLG 90 voor thee, NLG 90 à NLG 100 voor specerijen, NLG 115 voor huiden en NLG 50 voor particulier tin.
In lading hier en op de kust naar Nederland: de stoomschepen CELEBES en PRINS HENDRIK; zeilschip FERDINAND EN LOUIS en TWEE GEZUSTERS.
Zonder emplooi en lossende: GIJSBERTUS HERMANUS, UTRECHT, IJMUIDEN, SCHIEDAM en ERASMUS, allen Nederlands.


  AH - Algemeen Handelsblad

Heenvliet, 20 januari. De sleepboot BROUWERSHAVEN heeft het ijs in het kanaal over de volle lengte opgebroken en is alhier aangekomen. De sleepboot ROTTERDAM heeft de kanaalhaven en schutkolk bevaarbaar gemaakt. Op de rivier geen ijs.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Lübeck overwintert de Sappemeerster kof HARMONIE, kapt. J.J. Scholtens.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop à contant het galjootschip MARIANNE, groot 105 ton, gebouwd in 1866, geclassificeerd 3. 3. 1.1. Veritas tot april 1876.
Te bevragen bij K.G. Munneke te Sappemeer.


  JB - Javabode

Advertentie. Op donderdag de 3e februari 1876 zullen de ondergetekenden ten 11 uur precies voor hun commissiehuis verkopen het wrak van het stoomschip SALAK, liggende of niet liggende op Sinderongan Ketjiel (Nako-eilanden, nabij Nias) met al wat zich van de inventaris en lading nog aan boord en op het eiland Sinderongan bevindt, zomede een gedeelte der inventaris, te Batavia en Padang aangebracht en geborgen.
Nadere informatiën te bekomen bij John Pryce & Co.


  JB - Javabode

Batavia, 22 januari. Heden keerde de stomer AMSTERDAM terug van het wrak van de WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN en bracht weder 7 mailpaketten aan. Nog zijn diverse zaken boven water gebracht die op het bij het wrak gestationeerde vaartuig worden geborgen. De duikers gaan steeds ijverig voort met werken.


  JB - Javabode

Batavia, 22 januari. Heden morgen te half 12 uur is het stoomschip LUITENANT-GENERAAL VAN SWIETEN alhier van Singapore aangekomen. De gezagvoerder Tholen, commandant van deze bodem, heeft een zeer vlugge reis gemaakt. Donderdag morgen van Singapore vertrokken, kwam hij heden morgen te 11 uur 30 min. alhier aan, zodat de reis slechts 52 uren heeft gevorderd. Een paar uren zijn nog verloren gegaan ten gevolge van het donkere en gure weer, dat de kapitein dwong om de machine enige tijd met minder kracht te doen werken.


  JB - Javabode

Batavia, 22 januari. Blijkens een van de resident van Banka ontvangen bericht heeft het Nederlands-Indisch schip FATHOOL KARIM op zijn reis van Blinjoe naar Batavia de 15e december j.l. tussen Tandjong-Mantong en Tandjong-Trentang op een rif gestoten en een lek bekomen, waardoor het naar eerstgenoemde plaats terug keren en daar de lading, bestaande uit 5.260 pikols Gouvernements-tin, lossen moest.


  JB - Javabode

Zuider- en Ooster-afdeling van Borneo, december. Het Nederlands-Indische barkschip ATIATOOL BARI, de 14e december van Soerabaija te Bandjermasin aangekomen, geraakte in de nacht van de 16e op de 17e december door een onbekende oorzaak in brand. Het vuur nam door de aan boord aanwezige belangrijke hoeveelheid petroleum binnen korte tijd zo hevig toe, dat aan redding van het schip niet te denken viel en de brandweer zich er toe bepalen moest te trachten het residentiehuis, de bureaus en andere aan de rivier liggende gebouwen, welke mede door de vlammen bedreigd werden, te redden, hetgeen niet dan na veel krachtsinspanning gelukte.


23 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 6 januari. Op bevestiging van het bericht van de stranding bij Bahia Honda van het schip THORWALD, kapt. Gundersen, van New Orleans naar Havre, is er assistentie van Havanna derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een koftjalkschip, groot 103 ton, oud 12 jaren, met of zonder inventaris, liggende en te bevragen bij Wed. P. de Vries, Damrak, Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 18 december. Volgens brief van de gezagvoerder van het op de kust van Billiton gestrande schip SEATON, van Cebu (opm: Philippijnen) naar het Kanaal bestemd, was het schip geheel verloren, doch had hij enige nieuwe zeilen van het schip op een naburig eiland geborgen en bijna de gehele lading hennep. Een stoomboot zal van Singapore naar de plaats der stranding vertrekken om de hennep te vervoeren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 22 januari. Uit Brielle wordt gemeld, dat de officier van justitie te Brielle tot de ervaring gekomen zijnde, dat van het tussen Oost-Voorne en de Hoek van Holland aan
de grond zittende stoomschip GRONINGEN goederen weggevoerd en te Oost-Voorne aangebracht zijn, bericht heeft, dat volgens verlangen van de rederij van dat stoomschip, geen goederen daarvan mogen worden afgehaald en dat door hem, officier van justitie, orders zijn gegeven, daarop gestrengelijk toe te zien.


  AH - Algemeen Handelsblad

Veendam, 20 januari. Aangaande het stranden van het schip LOUISE, kapt. Vogelzang, op de kust van Bali, bericht men ons, dat de twee personen, welke bij deze ramp zijn omgekomen, te Amsterdam thuis behoren en wel de eerste stuurman en de kok. De verdere bemanning is te Banjoewangie aangekomen om vandaar per stoomboot naar Soerabaja
te vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Mr. E.H. Stheeman, notaris te Zuidbroek, zal op maandag de 7e februari 1876, des avonds om 6 uur, ten huize van D. Glim te Zuidbroek, publiek verkopen het galjootschip HOMMO BURINGH, liggende te Amsterdam, aan de werf van de scheepsbouwmeester Bok, groot 97 zeetonnen, laatst gevoerd door de kapitein J. Koning.
Inlichtingen te bekomen bij Bok en Mr. E. Tinga te Zuidbroek.
Mr. E.H. Stheeman.
(opm: geb. in 1849 te Martenshoek als ELISABETH HILLENA).


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een goed onderhouden brikschip, groot 252 ton, in augustus 1874 gekoperd en opnieuw geclassificeerd 3 3 1. 1. bij Veritas voor vier jaren.
Nadere informaties zijn te bekomen bij de cargadoors de Wed. Jan van Wesel & Zoon te Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Soerabaya, 11 december. Het Engelse schip AMITY, kapt. Shearer, van Ilo-Ilo naar Londen, op Bawean-eiland gestrand, verkocht en naderhand afgebracht, is, na in deze haven gebracht te zijn, weder verkocht voor GBP 3.000.-.

NRC 240176
Great Yarmouth, 21 januari. Het schip ELISABETH EN CATHARINA, kapt. Lever, van Sunderland naar Nice, is hier gisteren binnengelopen, doch zal heden weer vertrekken.


24 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 20 januari. De stoomboot CERES, van Libau naar Schiedam, neemt kolen in en zal morgen weer vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 11 december. Door de resident van Soerabaja is aan de Sultan van Bali een aanmaning gedaan, om zo veel mogelijk de ontvreemding van de lading van het op Bali gestrande Nederlandse barkschip LOUISA, kapt. Vogelensang, te voorkomen en alle mogelijke assistentie bij het bergen te verlenen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brielle, 21 januari. Het stoomschip GRONINGEN is verloren. Het schip zit vol water.


25 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 24 januari. Hedenavond is op de noordwestkust van dit eiland een onbekende schoener gestrand. De reddingboot vertrekt zo spoedig mogelijk.
(opm: zie NRC 260176)


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 23 januari. De werkzaamheden aan de nieuwe havenmond, die sinds enige tijd wegens de vorst gestaakt waren, zullen morgen worden hervat. Ruim drie honderd arbeiders, die hier gedurende die tijd zonder werk waren, worden hierdoor weer in staat gesteld voor zich en hun gezinnen te zorgen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het stoomschip GRONINGEN is door de hoge zee hogerop geschoven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New York, 6 januari. Blijkens telegram van Havana d.d. gisteren is het Nederlandse schip THORWALD, kapt. Gundersen, van New Orleans naar Havre, te Bahia Honda gestrand. Assistentie is derwaarts gezonden.


26 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 25 januari. De schoener alhier op het strand is zonder volk en de naam onbekend, misschien WINSCHOTEN, als zijnde het brandmerk 28 Winsch.1855. Het schip is gebroken, de lading hout wordt geborgen, een naambord gemerkt Landskrona, is op het strand gevonden.
(opm: zie NRC 270176, AH 280176 en 300176, de Zweedse schoener GESINA MENSINGA, kapt. Madsen, de ex-Nederlandse GESINA MENSINGA, gebouwd in 1855, in 1860 bij Helsingborg gestrand, vlot gebracht, verkocht en zonder verdoopt te zijn, onder Zweedse vlag weer in de vaart gebracht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.Ament, J.F.L. Meyjes, W.Y. van Reinouts, P. Reineke en A.D. Strumphler, makelaars, zullen op dinsdag 22 februari 1876, des namiddags te 3 uur precies, in het lokaal De Brakke Grond, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogst mijnende presenteren te verkopen het snel zeilend en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ALBATROS, gevoerd door kapt. H.H. Koch. Volgens Nederlandse meetbrief lang 31 meters, wijd 5,65 meters en hol 4, 67 meters en alzo gemeten op 394 tonnen of 192 lasten.En dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde barkschip ligt aan de werf Het Witte Kruis, Kleine Kattenburgerstraat, alhier.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars of met de cargadoors de Weduwe Jan van Wesel & Zoon, Kalkmarkt 8.
(opm: gebouwd in 1840 bij Jer. Meyjes & Zonen te Amsterdam)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 24 januari. Volgens bericht uit Maassluis is het stoomschip GRONINGEN waarschijnlijk doormidden gebroken. Een later telegram meldt, dat de GRONINGEN niet gebroken is, doch dat het roer en de achtersteven er af zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. G.P. Vroom, notaris te Wildervank, zal op donderdag de 10e februari 1876, des avonds te 7 uur, in het hotel De Unie te Veendam, tegen contante betaling, publiek verkopen het Nederlands galjootschip CATHARINA HOFLAND, tot heden bevaren geweest door kapt. G.R. Hazewinkel, groot 128 zeetonnen, geclassificeerd bij Veritas 5/6 __ 1 __ 1, met deszelfs complete inventaris, thans liggende te Papenburg.
Informatiën te bekomen bij de firma K. en J. Wilkens en de kapitein te Veendam en Hermann Sandmann, scheepsmakelaar te Papenburg.


27 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Naar wij van goederhand vernemen, zal een enquête plaats hebben over het stranden van het stoomschip GRONINGEN. Tot leden van de commissie van enquête zijn benoemd de heren Roodzant, inspecteur van het loodswezen te Hellevoetsluis; P. Wierikx en S. Halfweg,
oud-gezagvoerders.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. Het Groninger kofschip WIJNANDUS BODEWES, van Hull naar Trelleborg, is met de kapt. Smit en al de opvarenden verongelukt.
(opm: vermist op een reis van Hull naar Trelleborg)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 25 januari. De reddingboot van Koog ging in de vroege morgen naar het schoenerschip, waarvan de stranding per telegraaf werd bericht, ten einde te zien of er zich nog iemand aan boord bevond. Het vaartuig was evenwel verlaten. In een van de hoofdschotten van de roef stond ingebrand: 28 Winsch 1855. Aangezien er twee kabels aan het spil en een zware dito aan de fokkemastwaren bevestigd, schijnt het dat men het schip op sleeptouw heeft gehad. De lading bestaat uit battings en balken, alles ongemerkt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 24 januari. Volgens telegram uit Havanna van gisteren, zijn van het op het Colorado Rif gestrande schip ENTREPRISE II, kapt. Mulder, van New Orleans naar Havre bestemd, ongeveer 750 balen katoen geborgen en te Havanna aangebracht. Met de verdere berging wordt voortgegaan.
(opm: zie ook NRC 090176 en NRC 140176)


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Hoogezand, op donderdag 20 Januari: het schoenerbrikschip DIRK HENDRIK, groot 187 ton, gebouwd in 1857, kapt. Prins, voor NLG 7.605,- aan J.A. Hooites te Hoogezand.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Tjalkschip. Publieke verkoping in het logement van de heer A. Kouwenhoven te Enkhuizen, op woensdag 9 februari, ’s avonds 8 uur, van een zo goed als nieuw tjalkschip genaamd NOOIT GEDACHT, groot 50 ton, zoals het thans is staande en te bezichtigen op de werf van de heer Lastdrager, zonder enige losse inventaris, enz.
Inmiddels uit de hand te koop, te bevragen bij de heer C. van der Leek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 26 januari. In bevrachtingen ging tot nu toe weinig om. Voor de Franse voorhavens werd een enkel schip gecharterd tegen Ffrs. 24 per 30 hectoliter haver. Voor Engeland weinig vraag. Gedaan werd naar het Engels Kanaal Sh.29-/ per 10 qrs. tarwe.


28 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Farsund, 17 januari. In Thorshavn is wegens tegenwind binnengelopen de Nederlandse kof GEERDINA, kapt. Stuit, van Brugge naar Randers.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Volgens telegrafisch bericht is het schip KORTENAER, kapt. Walters, 17 oktober ll. van Pekalongan vertrokken, gisteren namiddag te Dungeness van een loods voorzien. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 27 januari. Heden zijn alhier aangebracht 79 blokken tin, uit het wrak van de THOMAS SORBY.


  AH - Algemeen Handelsblad

Cuxhaven, 24 januari. Door de Nederlandse brik CERES, kapt. Scherpbier, alhier van Rio Janeiro gearriveerd, is op 53º40’ NB 04º38’ OL gered en aan boord genomen de equipage van het in zinkende staat verkerende Zweedse schoener-galjootschip GESINA MENSINGA, kapt. Madsen, van Lulea met hout naar Leuven.

PGC 280176
Advertentie. De publieke verkoping van het schoenerschip ANNETTE, welke was bepaald op woensdag de 2e februari 1876 in het Gemeentehuis te Wildervank, zal geen voortgang vinden.
G.P. Vroom, notaris.


29 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 januari. Gisteren is aan de scheepswerf van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier, de kiel gelegd van een schroefstoomboot genaamd
DEVENTER PACKET, voor rekening van de heer H. Brouwer te Deventer en bestemd voor de vaart tussen Deventer en Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed plotseling, tot diepe droefheid van mij en verdere familie, mijn geliefde echtgenoot de heer T. Mammes, in leven oud-gezagvoerder ter koopvaardij.
Rotterdam, 27 januari 1876, Wed. W.J. Mammes-De Blij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 28 januari. Het hol of casco van het stoomschip FORTH, onlangs op de West gestrand, heeft heden in publieke veiling opgebracht de som van NLG 140.


30 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Het Nederlandse schip ALPHA, kapt. Lukkien, van St. Petersburg
met schade te Rönne (Bornholm) binnengelopen, was sedert drie weken van de geleden schade hersteld, doch wegens gebrek aan gelegenheid de 24e dezer aldaar nog liggende; het had orders naar Lynn bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Aangaande het Nederlandse schip DE HOOP, kapt. Huges, op de reis van Rostock naar Rotterdam, 25 november van Tonningen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 25 januari. Het schip CORNELIA, kapt. Heerma, is alhier van Newcastle aangekomen met door het ijs ingeslagen laadpoorten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. C. Ament, P. Reineke en Ed.C.A. Koli, makelaars, zullen op maandag 28 februari 1876, des namiddags te 3 uur precies, in het lokaal De Witte Zwaan, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogstmijnende presenteren te verkopen:
Het snel zeilend, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd RAPHAEL, gevoerd door kapt. G. Molenaar; volgens Nederlandse meetbrief
lang 32 meters, wijd 4,04 meters, en hol 2,77 meters en alzo gemeten op 179 tonnen of 94 lasten; en dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde brikschip ligt aan de Oosterdokdijk.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars.


31 januari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 30 januari. De stoomboot GRONINGEN is gelijkdeks onder water. Scheeps- en kajuitsgoed en proviand zijn hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 22 december. Het Franse schip AMIRAL DEVOUX, van Hongkong naar Bordeaux, is 19 dezer bij Anjer gestrand. Schip en lading zullen de 24e publiek verkocht worden.
- Het Engelse schip SEATON van Manilla naar Engeland, is bij Billiton gestrand en verloren. De equipage en een gedeelte van de lading is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 december. Vrachten. Daar de beschikbare scheepsruimte zeer voldoende is voor de langzamerhand minder wordende hoeveelheid producten, is de stemming voor vrachten minder vast en zijn lagere prijzen geaccepteerd. Er waren geen Nederlandse afsluitingen te melden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Veendam op donderdag 27 januari: het schoenerschip NEWA, groot 221 tonnen, gebouwd in 1874, kapt. M.H. Drenth. NLG 23.450,-. Verkocht aan Nagel te Oude Pekela.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wildervank, 28 januari. Van de werf der heren Meihuizen is gisteren met goed gevolg te water gelaten het tjalkschip SABINA, groot 120 ton, zullende bevaren worden door H. Wassenaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triest, 25 januari. De brik CATO POULIE, kapt. E.R. Hotze, is van hier naar Hamburg vertrokken, 8.949 Rijksmark vracht makende. De brik CATHARINA HENDRIKA, kapt. G. Kruizinga, laadt mede naar Hamburg, terwijl de schoenerbrik HELENA FLORENTINA, kapt. B.C. Rozenbeek, naar Riga in lading ligt. Er is hier gebrek aan scheepsruimte, de vrachten naar Brazilië stijgen.


01 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 28 januari. Het wrak van de Zweedse stoomboot VIDAR heeft gisteren in publieke veiling opgebracht 65 gulden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 30 januari. Het Nederlandse stoomschip P. CALAND, kapt. P. Deddes, retourneerde alhier met schade aan de schroefaskoker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 januari. Kapt. Strootman, voerende het Nederlandse schip FLEVO, 24 december van Cardiff te Singapore aangekomen, rapporteert dat hij 1 oktober op 26° ZB 29° WL (opm: Zd. Atlantic) en vervolgens van 22 tot 28 oktober op 39° ZB 19° à 40° OL (opm: Indische Oceaan) zware stormen heeft belopen en eindelijk de 8e november op 40° ZB 78° OL (opm: Indische Oceaan) door een orkaan is geteisterd. Door het losslaan van de barring en het uitscheuren van de bouten, waaraan deze op dek was bevestigd, gepaard met regelmatige overstelping van zeewater gedurende een geheel etmaal, meestal tot de hoogte van de verschansing, waardoor het onmogelijk was een hand aan de pomp te slaan, is er veel water in het schip gedrongen, zodat de volgende dag van 4 voet is lens gepompt, waarna het schip dicht werd bevonden. Aan dek zijn vele zaken stuk geslagen, zeilen scheurden aan flarden, de bakboordsboeg werd ontzet en de kapitein vreest, dat enkele balken of knieën zullen gebroken zijn.


02 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. De geborgen lading uit het afgekeurde schip JOHANNA ANTOINETTA zal de 4e dezer te Cardigan publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Volgens brief van kapt. Zwanenveld, voerende het dokschip SOERABAYA, d.d. Rio de Janeiro 2 jan., zou hij na proviand en water ingenomen te hebben, 6 dito de reis naar Java voortzetten; aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Volgens brief van kapt. Jaski, voerende het Nederlands schip WILLEM VAN DE VOORT, de 23e december van hier te Paramaribo aangekomen, had hij op de reis zeer slecht weer doorgestaan. Na het 4e etmaal bij Goudstaart en het 13e bij Finisterre te zijn geweest, had hij van daar tot Madeira, dat men het 28e etmaal eerst in het gezicht kreeg, onophoudelijk stormweer uit het ZW en W, op 19˚ NB kreeg bij harde ZW wind tot storm, die 9 etmalen aanhield. Het schip had zwaar gewerkt doch ogenschijnlijk geen schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 februari. Scheepsvrachten. In bevrachtingen ging, ten gevolge van de nog bestaande stremming der scheepvaart, weinig om. Gedaan werd voor de kolenhaven aans de Oostkust tegen Sh.17/6 per 10 quarters Engels gewicht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 31 januari. Aangaande het verongelukken van het schip LOUISE, kapt. J. Vogelsang, wordt uit Banjoewangie d.d. 13 december nog het volgende gemeld:
Een noodlottige vergissing, ontstaan door een onzuivere chronometer, schijnt de gezagvoerder de zuidoosthoek van Tafelhoek voor de zuidoosthoek van Java te hebben doen aanzien. Het werd stil, een sterke stroom trok om de noord, hoe het zij, in korte ogenblikken was het schip een wrak.


03 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 december. Het schip ADMIRAL DEVOULX, van Hongkong naar Marseille bestemd, is 20 dezer door het breken van de ketting bij Anjer op strand gedreven en is geheel wrak; het schip is doormidden gebroken en er staat 12 voet water in.
De lading bestond uit kaneel, matten en thee, doch de hoeveelheid is nog onbekend, alsook hoeveel en in welke staat er van de lading gered is. Het schip zou 24 december verkocht worden.
(opm: In een volgend bericht staat de naam als ADMIRAL DEVOUX)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 december. Particuliere uitvoer van Java gedurende de maand november 1875:
Totaal ultimo oktober 1875: 227.582 picols koffie, 2.468.772 picols suiker, 100.779 picols rijst, 3.695 leggers arak, 23.504 picols rotting, 14.824 picols peper, 194 picols gomelastiek, 417.122 stuks en 1.024 picols huiden, 249.480 picols tabak, 711.823 A. ponden en 48 kisten indigo, 6.560 picols nootmuskaat, 2.153 picols foelie, 13.273 picols damar, 1.508 picols gutta-percha, 92.812 picols oliekoeken, 44.457 picols tin, 25.163 picols en 7.303 kisten thee en 270 picols kaneel. Hiervan vervoerden de onderstaande Nederlandse schepen het volgende:
De Nederlandse SINDORO, naar Nederland, 11.646 picols suiker, 200 picols rotting, 1.001 stuks huiden, 367 picols tabak.
De Nederlandse AURORA, naar Nederland, 24.102 picols suiker.
De Nederlandse JUPITER, naar Nederland, 1.280 picols koffie, 13.125 picols suiker, 140 picols rotting, 3.000 stuks huiden.
De Nederlandse DORDRECHT II, naar Nederland, 6.690 picols suiker, 130 picols rotting, 1.879 stuks huiden.
De Nederlandse AUGUSTA, naar Nederland, 16.959 picols suiker, 421 leggers arak, 380 picols rotting, 2.044 picols peper, 9.616 stuks huiden.
De Nederlandse 's-GRAVENHAGE, naar Nederland, 1.000 picols koffie, 19.680 picols suiker, 395 picols rotting, 3.789 stuks huiden, 3.875 picols tabak.
De Nederlandse JOHANNA MARGARETHA, naar Nederland, 1.227 picols koffie, 6.777 picols suiker, 6.851 picols rijst, 21 picols tabak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 1 februari. Kapt. Steevert, voerende het Nederlandse schip WATERLOO, van Passaroeang hier binnen, rapporteert van Java tot aan de linie (opm: evenaar) een tamelijke reis gehad te hebben. Sedert heeft hij steeds met harde tegenwind en hoge zeeën te kampen gehad, waardoor veel water overkwam en schip en tuig veel te lijden hadden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 1 februari. Het Nederlandse schip JOHANNA EN ANTOINETTE, kapt. De Koe, van hier naar Lissabon, te Cardigan met zware schade binnen, is afgekeurd; de geborgen lading zal 5 dezer te Cardigan publiek verkocht worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op nader te bepalen tijd en plaats zal, ten verzoeke van de scheepskapitein M. van der Werff, publiek worden verkocht het schoenerschip genaamd ALIDA, groot 197 ton, met deszelfs opgoed en toebehoren, thans liggende in de haven te Delfzijl.
Inmiddels uit de hand te koop.
Informatiën bij de scheepsmakelaar P.J. Vos en bij de gezagvoerder te Delfzijl.
J.C. Jentink, notaris te Delfzijl.


04 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Volgens heden ochtend ontvangen bericht van kapt. Vitringa Coulon, voerende het barkschip ZEENYMPH, bevond hij zich 13 januari bij St. Helena, hebbende
toen 52 zeildagen van Makassar. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Van de stoomboot GRONINGEN, zijn bijna al de machinerieën, tot de lading behoord hebbende, te Maassluis aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Het Nederlandse schip JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, van Santos naar Lissabon om orders, is volgens telegrafisch bericht aldaar met schade aangekomen en moet de lading lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 februari. Gisteren arriveerde hier het nieuwe driemast schoenerschip ZUURDIJK. kapt. H. Kwint Hzn., groot pl.m. 150 ton, gebouwd op de werf van J. Berg Jzn. te Sappemeer.


05 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d IJssel, (Stormpolder), 5 februari. Heden is op de werf De Hoop van de heer C. van der Giessen, de kiel gelegd voor een te bouwen ijzeren schroefstoomboot genaamd STAD GOUDA, voor rekening van de heren Jan Pot & Co., te Rotterdam, bestemd voor de bestaande dienst tussen Gouda en Rotterdam vice versa. De boot wordt ingericht voor passagiers, goederen en vee. De machine van 16 paardenkracht wordt vervaardigd aan de fabriek van de heren Burgerhout en Kraak te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 3 februari. Volgens later bericht is de stoomschip ULYSSES door assistentie van de Svitser’s reddingstoomboot afgebracht en komt naar Kopenhagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 2 februari. Het Nederlandse stoomschip P. CALAND, van Rotterdam naar New York, te Plymouth met schade aan de schroefaskoker uit zee teruggekomen, is met de lading en de kolen aan boord, in het gegraven droogdok van het groot westelijk dok geplaatst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 december 1875. Vrachten ondergingen in de laatste veertien dagen geen verandering en werd de stemming zelfs nog flauwer. Naar Nederland werd suiker tot NLG
52½ à 55 verscheept, terwijl naar het Kanaal GBP 2.7.6 werd geaccepteerd. Schepen voor Amerika genoten geen vraag, doch zullen er voor het vervoer van de koffie uit de jongste Padang- veiling wel een paar schepen worden opgenomen. Voor rijst van Saigon naar Java genieten kleine schepen tot lage cijfers enige vraag, doch verneemt men nog geen afdoeningen. In kustvrachten gaat niets om. Naar Perzië en ook voor Australië hield de vraag geheel op. De laatste afdoeningen zijn: Naar Nederland de volgende Nederlandse schepen: stoomschip PRINS HENDRIK tot NLG 75 voor koffie, NLG 80 à 90 voor thee en NLG 80 voor tabak naar het Nieuwediep, ANTOINETTE opgenomen voor het vervoeren van steenkolen van Banjermassing naar Gorontalo à NLG 14 per ton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 december. Het Franse schip ADMIRAL DEVOUX, van Hongkong naar Bordeaux, is 19 dezer bij Anjer gestrand en verongelukt, equipage gered. Schip en lading werden 24 dezer publiek verkocht en brachten ongeveer NLG 21.000 op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 december. Het Engelse schip SEATON, van Manilla naar Engeland, is bij Billiton gestrand en verloren; equipage en een gedeelte van de lading gered.


  AH - Algemeen Handelsblad

Brouwershaven, 3 februari. Volgens rapport van de vuurtoren, zit er een grote gekoperde kotter aan de binnenkant van dit zeegat op het droge.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Nieuwe Pekela, op maandag 31 januari: het kofschip HENDERIKA MAGRIETHA, groot 111 tonnen, gebouwd in 1840, kapt. Feije: NLG 2.550, koper Mr. T. De Cock te Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Scheepsvrachten. Koningsbergen, 29 januari. Om na de heropening der scheepvaart hier te laden zijn een paar te verwachten zeilschepen naar de Forth of Forth en kolenhavens tot Sh.2/-. inclusief, naar de oostkust van Schotland tot Sh.2/3 per 500 Engelse pond tarwe geëngageerd en daartoe zijn, met inbegrip der havens aan de oostkust van Engeland en het Engelse Kanaal, tot naar verhouding hogere koersen eerste klasse schepen gevraagd. Stoombootvrachten ondergingen weinig verandering.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na een korte ongesteldheid overleed heden op het onverwachts mijn geliefde echtgenoot Derk Koenraads de Witt, in leven scheepskapitein, in de ouderdom van bijna 41 jaren. waarvan ik bijna 16 jaren door de band des huwelijks met hem verenigd mocht zijn, mij nalatende vier kinderen, nog te jong om het verlies te beseffen.
Farmsum, 29 januari 1876, H. Bolhuis, wed. D.K. de Witt.


06 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 februari. Met referte aan het bericht in de Staatscourant van 13 januari jl. betreffende de redding van de mail van het verongelukte stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, wordt thans medegedeeld, dat blijkens een telegram van de Gouverneur-Generaal van Nederlands Indië van 3 dezer, de Triëst-mail nog niet opgevist is. Het bericht omtrent de redding van de mail doelde dus alleen op die via Brindisi verzonden (1 oktober 1875) en niet op de mail via Triëst (van 28 september uit Nederland).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 4 februari. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefsleepstoomboot HENDRINA, gebouwd voor rekening van de heer J.C. van Hattum, te Sliedrecht en is daarop de kiel gelegd van de schroefsleepstoomboot NIJMEEGSCHE SLEEPDIENST No. V, te bouwen voor rekening van de heer H. van den Bout, te Nijmegen. Voor beide boten worden de machines vervaardigd en samengesteld in de fabriek van de heren W. de Bruijn c.s., te Dordrecht en tevens is ook de kiel gelegd voor een ijzeren schroefsleepstoomboot, te bouwen voor rekening van de heren J. van der Velden & Co., te Papendrecht, waarvoor de machine zal worden vervaardigd in de fabriek van de heren Walker, Stronck & Van Delden, linker Maasoever te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 4 februari. Volgens Lloyds zijn in het jaar 1875 verongelukt 2.553 schepen, waaronder 348 stoomboten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Blijkens bij de directie van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier ontvangen telegrammen is het Nederlandse stoomschip ULYSSES, van Danzig naar Londen, bij Dragör aan de grond geraakt, doch na een gedeelte van de lading gelost te hebben, met assistentie vlot geworden en sedert te Kopenhagen aangekomen. Het schip is door duikers onderzocht, heeft geen schade bekomen, is dicht gebleven en zal, na de geloste lading weer te hebben ingenomen, de reis voortzetten. (Het bericht gisteren door ons overgenomen uit de februari-Lloyd's List, als zou de ULYSSES vier voet water in hebben gehad, blijkt derhalve geheel onjuist te zijn geweest.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 23 december. Volgens rapport van de gezagvoerder van de mail-steamer uit de Molukken, had hij de Nederlandse schoener MARIA ANNA CATHARINA ELISABETH, kapt. Reeders, van Amsterdam op hier bestemd, gepraaid met verlies van fokkemast en kluiverboom en schade aan de boeg. Het had geen assistentie nodig. Sedert was het gedurende twee dagen slecht weder geweest, met hoge zee, en een volgende stoomboot, die kort daarna arriveerde, en dicht bij Tanekeke passeerde, had niets van het schip kunnen ontdekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De 8e december werden door de Nederlands-Indische brik BANDA-NEIRA te Banjoewangie aangebracht 21 schipbreukelingen, afkomstig van het koopvaardijschip LOUISE, gezagvoerder J. Vogelsang. Dit schip was 30 november op de Zuidoostkust van Bali, het gebied van de Vorsten van Badoeng, gestrand, bij welke gelegenheid de eerste stuurman en de kok in de golven zijn omgekomen. Nadat te Banjoewangie voor de verpleging van de schipbreukelingen van bestuurswege het nodige was verricht, werd de 11e dezer reeds het grootste deel van de equipage per gewapende boot naar Soerabaya gezonden; de twee stuurlieden en de passagiers aanvaardden de reis daarheen met het stoomschip van de Ned-Ind. Stoomvaartmaatschappij. Volgens bericht van de gezagvoerder zou van de lading van de LOUISE, bestaande uit stukgoederen, vermoedelijk een groot gedeelte gered kunnen worden, en was daarmede, op last van de Vorsten van genoemd Rijk, reeds een aanvang gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. Ament, J.F.L. Meijjes, W.Y. van Reijnouts, P. Reineke en A.D. Strumphler, makelaars, zullen op dinsdag 22 februari 1876, des namiddags ten 3 ure precies, in het lokaal De Brakke Grond te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogst mijnende presenteren te verkopen het snel zeilend en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: ALBATROS, gevoerd door kapt. H.H. Koch. Volgens Nederlandse meetbrief lang 31 meter, wijd 5 meter 65 centimeters, hol 4 meter 67 centimeters en alzo gemeten op 364 tonnen of 192 lasten.
En dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde barkschip ligt aan de werf Het Witte Kruis, Kleine Kattenburgerstraat te Amsterdam. Iemand nader onderricht begerende spreke met bovengenoemde makelaars of met de cargadoors, de wed. Jan van Wesel & Zoon, Kalkmarkt 8, te Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 5 februari. Heden is van de werf De Zwarte Raaf, van de scheepsbouw-meesters E.J. Bok en Zonen, in de Kleine Kattenburgerstraat met goed gevolg te water gelaten het schoener-brikschip ROELFINA CATHARINA, gebouwd voor rekening van de scheepsbouwmeesters en gevoerd zullende worden door kapt. M.L. de Vries.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Strandvonderij. De burgemeester van Texel geeft bij deze kennis, dat tegen het strand alhier is aangedreven een schoener in zinkende staat met balken en baddings geladen, zonder equipage en zonder naambord. Op de zijde is ingebrand: 28 Winsch.1855.
Voorts bericht hij aan belanghebbenden, dat alhier zijn aangespoeld en onder zijn beheer gesteld, een partij spoorbalkjes zonder merken; enige planken, gemerkt OEI †††; 2 scheepsboten; 1 naambord: JOHANNES DUYVENS; verschillende rondhouten en dekbalken. Rechthebbenden worden ter reclame opgeroepen.
Texel, 2 februari 1876, de burgemeester van Texel, D.C. Loman.


07 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Men leest in de Stoompost:
Tot toelichting van de lijdensgeschiedenis van een schip, dat veroordeeld was langs de Nieuwe Rotterdamsche Waterweg Rotterdam te moeten bereiken, namelijk het stoomschip PALLAS (zie Dagblad van Zuid-Holland en 's-Gravenhage van 30 en 31 januari) moge het volgende dienen, dat ons bij een nauwkeurig onderzoek gebleken is en voor de waarheid waarvan wij menen te kunnen instaan.
De PALLAS is een stoomschip, groot 1.900 ton en behoort aan de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij. Op de dag van de reis ging het schip 40 decimeter diep. Die dag was het aan de Hoek van Holland hoogwater te 11 uur 30 minuten voormiddags en de vloed bereikte de hoogte van 0,50 meter + AP. Bij die waterstand stond dus de droge 39,5 + 7 + 5 = 51,5 deelmeter diepte. Het schip kwam te 11 uur, dus een half uur vóór hoogwater binnen en hoewel het nu mogelijk is dat het op de droge de grond geraakt heeft, is hiervan toch door de op de wal staande zeelieden niets bespeurd.
Het schip zette zijn reis dan ook ongestoord voort en was te 11.45 uur in de zogenaamde Hoorn te Maassluis, op het ogenblik dat de peilschaal daar tekende 0,39 m. + AP.
Hier ontmoette het schip midden in het vaarwater een ton, die door het drijfijs van haar plaats was geraakt. De gezagvoerder deze ton willende mijden, geraakte het schip daardoor buiten het vaarwater tegen de Noordwal aan de grond. Met hulp van een sleepboot kwam het schip 's avonds te 11 uur weder vlot bij een waterstand van 0,09 m. onder AP, en raakte nog tweemaal de grond nabij Maassluis. Daarna zette de PALLAS zijn tocht ongehinderd voort en bereikte 23 januari te 3 uur voormiddags Rotterdam.
Wanneer men nu bij het bovenstaande in het oog houdt, dat de gewone vloed oploopt, aan de Hoek van Holland tot 1,00 m. en te Maassluis tot 0,85 m. + AP, dan blijkt;
1e. dat op de dag van de reis de vloed 0,50 m. beneden de hoogte van gewoon hoogwater is gebleven;
2e. dat de PALLAS nergens in het vaarwater aan de grond gezeten heeft.
Trouwens dezelfde dag dat dit schip de droogte passeerde, ging langs de nieuwe weg ongehinderd naar zee het stoomschip P. CALAND met een diepgang van 52 decimeter.
Men ziet uit het bericht in het Dagblad, dat de Nieuwe Rotterdamsche Waterweg, al zijn er in 1875 ook 8.630 schepen gepasseerd met 3.087.680 ton inhoud (zie Staatscourant van 14 januari jl.), toch nog niet al zijn oude vijanden heeft verloren.
Het is treurig, dat in ons klein land de esprit de clocher zo ver gedreven wordt. Welke indruk moet dat maken in het buitenland?
Men vergeet overigens niet, dat aan de Nieuwe Rotterdamsche Waterweg nog voortdurend wordt gewerkt, om hem zijn volle diepte te geven en dat inmiddels de lange stoomschepen, voor welke dit vroeger onmogelijk was, toch reeds langs die weg te Rotterdam te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Pekela, 3 februari. In de op zaterdag de 12e februari a.s., des voormiddags te 11 uur in het huis De Beurs te Groningen, te houden algemene vergadering van de Vereeniging Eendracht maakt macht, worden o.a. de volgende voorstellen behandeld:
1. Van de afdeling Groningen en Oude Pekela:
a) Dat vanwege deze vereniging wordt uitgegeven een zeemansalmanak voor alle zeemanscolleges, die tot haar zijn toegetreden;
b) Ter overweging de vraag of het wenselijk is, dat wordt aangedrongen op het plaatsen van een kustlicht op het west einde van Ameland;
c) Dat wordt overwogen de wenselijkheid om aan te dringen op het plaatsen van een kustlicht op Oostmahorn;
d) Dat pogingen worden aangewend om te verkrijgen, dat de stuurman examens worden afgenomen door één vaste staatscommissie.
2. Van de afdeling Oude Pekela:
Wat kan de Vereeniging doen om reddingstoestellen te krijgen of te verbeteren op Ameland en Schiermonnikoog ?
3. Van de afdeling Nieuwe Pekela:
Bij de Hoge Regering aan te dringen op vrijstellen van het betalen van loodsgelden, indien men of geen loods kan krijgen wegens afwezigheid van een Nederlandse loods, of om die reden gebruik moet maken van een vreemde loods.
4. Van de afdeling Wildervank:
a) Te bewerken dat de loodsgelden per gemeten ton of per m³ betaald worden, in plaats van per diepgang;
b) Aan te dringen op de benoeming van een consul in de Golf van Mexico.
c) De Minister van Buitenlandse Zaken te verzoeken, dat de veranderingen van vuren als anderszins onverwijld mogen worden meegedeeld aan het Centraal Bestuur van de Vereniging, ten einde in de zeemansalmanak te kunnen worden opgenomen.
d. De wenselijkheid te bespreken, dat er een vuurschip wordt gelegd op de Rifshorens (opm: Revs Horn, Denemarken).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping te Nieuwediep. De deurwaarder Swaving te Helder, zal op donderdag a.s. 10 februari, des avonds te zeven uren, in het lokaal Het Centrum te Nieuwediep,
publiek verkopen het onder Noorse vlag varende brikschip ROMERIGET, groot 253 zeetonnen, met al deszelfs toebehoren, zoals het thans is, liggende in de Binnenhaven te Nieuwediep.
Nadere informatiën te bekomen bij de kapitein C. Abrahamsen en de cargadoors
Van Vliet en Co., Nieuwediep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, ten overstaan van de notaris S. van Dorsser te Dordrecht, op woensdag 23 februari 1876, 's middags te 12 uur, in het koffiehuis van Zahn aan het Scheffersplein aldaar, van het snel zeilend en goed onderhouden Nederlands schoenerschip BIESBOSCH, laatst gevoerd door kapt. J.A. Vogelsang, volgens meetbrief lang 20,20 meter, wijd 6,27 meter, hoog 2,90 meter en alzo groot 109 tonnen met al zijn rondhout, staand- en lopend want, zeilen, ankers, kettingen, touwen en verdere gereedschappen, zodanig als hetzelve thans is liggende in de haven te Gent, en breder is omschreven in de aanplakbiljetten.
Dagelijks te bezichtigen. Aanwijzing door de heer L'Aucourt, scheepsleverancier te Gent.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te koop: Twee tjalkschepen, bijna volbouwd, ieder groot plm. 124 tonnen, zittende op de werf van de scheepsbouwmeester R.H. van der Werf te Wildervank, bij wie nadere informatiën te bekomen zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een scheepshol, groot 99 binnentonnen, uitnemend geschikt voor drijvend pakhuis, lichterschip, of om weer in de vaart te worden gebracht, gebouwd in 1864, is zonder enig bederf en thans op de werf ter bezichtiging.
Voor nadere informatiën adressere men zich met franco brieven, onder letters M A, aan het algemeen advertentie bureau van Nijgh & Van Ditmar, Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Beurtveer Gorredijk-Groningen enz. Notaris Gatsonides te Gorredijk zal op woensdag de 9de februari 1876, des namiddags 4 uur, in het koffijhuis Flora te Gorredijk provisioneel veilen het in 1871 nieuw gebouwd kofschip de JONGE LENA, groot 30 ton, met zeilen, haken, bomen en verder inventaris, benevens het geoctrooieerde veer tussen Gorredijk, Oosterwolde, Oldeboorn en Groningen vice versa, thans bevaren wordende door Jitse Feenstra. Het schip ligt te Gorredijk en is dagelijks te bezichtigen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een tjalkschip, genaamd de GOEDE HOOP, 90 ton, met complete inventaris, bevaren door kapt. W. Schuitema, thans liggende te Harlingen. Te bevragen bij de scheepsbouwmeester M. Kroeze te Hoogezand.


  JB - Javabode

Batavia, 7 februari. De stomer MINISTER VAN STAAT ROCHUSSEN, vroeger deel uitmakende van de vloot der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, en daarna het eigendom van een Chinees te Singapore, is de 15e januari op reis van Singapore naar Samarang op een zandbank geraakt en totaal verloren. Vijf man verdronken, de overigen kwamen aan wal en werden van Muntok per GOUVERNEUR-GENERAAL LOUDON naar Singapore overgevoerd.


08 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 7 februari. De stoomboot GRONINGEN is nog meer om de west gedraaid en heeft de gehele dag zwaar gewerkt; de zee breekt er over heen. Het voorschip zinkt dieper weg dan het achterschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 20 januari. Het schip ENTREPRISE II, kapt. Muller, van New-Orleans naar Havre, op het Colorado rif gestrand, was 10 dezer lossende; men hoopt alles te kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op woensdag de 1e maart 1876, 's avonds 6 uur, ten gemeentehuize te Hoogezand, van het snel zeilend, kopervast en gekoperd Nederlands brikschip COLUMBUS, groot 191 tonnen of 101 lasten, ten jare 1864 volbouwd, met al deszelfs opgoed, toebehoren en chronometer, laatst gevoerd door kapt. H. de Boer van Schiermonnikoog, thans liggende te Rotterdam. Adres aldaar bij de heren cargadoors Kuyper, Van Dam & Smeer.
J. Piccardt, notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars Montauban van Swijndregt en Van Dam te Rotterdam, zullen, als last hebbende van hun meester, op dinsdag 8 februari 1876, des voormiddags te 12 uur, in de zaal aan de Scheepmakershaven, No. 29, publiek verkopen het casco van de kopervaste Italiaanse bark DUE AMICI, groot 464 tonnen, Italiaans Register, zoals hetzelve thans zich bevindt op de sleephelling te Schoonderloo.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op dinsdag de 15e februari 1876, des avonds te 7 uur, in hotel Everts te Veendam, tegen contante betaling publiek verkopen het in 1858 nieuw gebouwd, gezinkt schoenerschip genaamd GEERDINA, groot 136 zeetonnen, in 1872 voor vier jaren bij Veritas geclassificeerd 5/6.G. 1.1., thans liggende te Harburg, met diens complete inventaris, in voege het laatst is bevaren geweest door kapt. K. Flik.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Men schrijft het volgende aan het Handelsblad van Schiermonnikoog, d.d. 2 februari: Gisteren avond had hier een plechtigheid plaats, waarvan de vermelding, zo ik hoop, een plaatsje in uw blad zal worden waardig gekeurd. In de avond van zaterdag de 20e november 1875 werd van een der vuurtorens bericht, dat er een schip in nood verkeerde en daar het zeer donker was en er een hevige storm uit het noorden woei, was het voor de reddingscommissie geen gemakkelijke taak om directe bevelen te geven, te meer daar de voerlieden om het duistere van de avond weigerden hun paarden ter beschikking te stellen. Wat te doen? Men moet een zeemanshart bezitten, om hierop te antwoorden. Als uit één mond ging de kreet op, hier staan de paarden, dat zijn wij, zeejongens van Schiermonnikoog, geef ons de boot, wij zullen de redding beproeven! En eer nog bevel tot wegrijden was gegeven, ging de wagen met boot, getrokken door zeelieden, naar ’t westelijk gedeelte van ’t eiland, in de richting van Ameland, de plaats waar de noodvuren af en toe zichtbaar waren. Hoe vermoeid ook van de rit, die meer dan één uur duurde, werd de boot, ofschoon met veel moeite, omstreeks 9 uur des avonds te water gebracht en sprongen er een 13-tal wakkere zeelieden in, wier namen hier openlijk verdienen vermeld te worden: A.J. Dubblinga (als schipper), Jacob Visser, Carel Blok, Jan Grilk, Eise J. Carst, Hendrik D. Teensma, Wiebe Jaski, Theunis Feijes, D.T. de Boer, M. Fransbergen, T. Mellema, J.T. Teensma en Jan A. Dubblinga. De boot was al dadelijk door de dikke duisternis in de hevige branding uit het oog verdwenen, het vuur van het in nood zijnde schip bleef uit, zodat men als het ware op gissing moest afgaan; eerst des nachts 2 uur werd ’t licht op het schip weer zichtbaar, de ganse nacht werd de terugkomst der reddingsboot tevergeefs afgewacht, zelfs bij het aanbreken van de dag geen spoor van de boot, niet dan een hoge en holle zee. Dat men zich in gissingen verdiepte, en de onrust op ieders gelaat te lezen stond, wie twijfelt er aan? Het is weder de lichtwachter Eise Bloos, die het bericht ’s middags om 1 uur in het dorp brengt, dat de boot in het zicht is, en bloedverwanten, vrienden en magen (opm: maagden, ongehuwde meisjes) spoeden zich strandwaarts, als om strijd hen het eerste te ontmoeten. Het doorgestane gevaar en de vermoeienissen, die nacht ondervonden, worden beter gevoeld dan beschreven. Allen waren zeer afgetobd, met de zwemgordel nog omgord, nauwelijks kenbaar, het water uit de klederen druipende, stijve ledematen en met bebloede handen, werden zij door het ganse dorp in triomf naar hun woningen geleid. De boot was zwaar van onderen beschadigd, met verlies van riemen, kompas, touwwerk enz. Men had een vreselijke nacht doorgebracht en in groot levensgevaar verkeerd. Bij de Engelsmanplaat komende, waar het vaartuig was gestrand, was de branding zo hevig, dat de boot meermalen recht overeind stond en men zich aan de doften moest vasthouden, om er niet uitgeslagen te worden en toch keerden zij teleurgesteld terug, doch in het bewustzijn hun plicht, en niets anders dan dat, gedaan te hebben. De bemanning der FRITHIOFF (naam van het gestrande schip) was reeds door enige visserlieden gered en te Paesens aan wal gebracht.
Deze daad werd door de Noord- en Zuidhollandsche reddingmaatschappij echter op zeer verdienstelijke wijze beloond, door ieder hunner, als bij uitzondering, een bronzen medaille en NLG 10,- gratificatie toe te kennen, aan welk besluit gisteren avond uitvoering werd gegeven. Bij monde van de heer N.J. van der Worm, voorzitter der plaatselijke commissie van bestuur, werd deze beloning in een openbare bijeenkomst namens de maatschappij aan hen uitgereikt. Z.ed. herinnerde bij die gelegenheid op kernachtige wijze het plaats gehad hebbende geval te Harwich, doch was te zeer overtuigd van de onverschrokken moed, die de Nederlandse zeeman kenmerkt, die nimmer vraagt hoeveel beloning staat er op? Maar die weet wat plicht is: deze had bij hen voorgezeten, daarom werd op die wijze hun daad door de maatschappij beloond. Plichtbesef alleen strekke de zeeman tot ere, geen beloning van brons of goud is daarvoor in staat. Deze medaille zij ulieden dan ook een blijvende herinnering uw plicht te hebben gedaan. Spreker eindigde, zichtbaar aangedaan, als tolk van alle aanwezigen, dat de overtuiging vast stond, wanneer hun hulp weder mocht vereist worden, niemand zeker zou achterblijven. Na een “lang leve de Noord- en Zuidhollandsche Redding-Maatschappij!” ging een ieder eveneens aangedaan, doch hoogst tevreden huiswaarts.


09 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfshaven, 8 februari. Heden werd aan de fabriek van de heren Christie, Nolet & De Kuyper alhier met goed gevolg te water gelaten Zr.Ms. ijzeren stoomkanonneerboot BEVER, bestemd voor de verdediging van de noordelijke en zuidelijke vaarwaters. De stoomwerktuigen (compound systeem), voor dubbele schroef, stoomketels en met toebehoren, zijn in dezelfde fabriek vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Rotterdam op 8 februari in het lokaal aan de Scheepsmakershaven: het casco van de Italiaanse bark DUE AMICI, tot NLG 3.000,- opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 6 februari. De Nederlandse brik AGATHA, kapt. Zeilinga, is uit de haven gehaald en naar Hamburg vertrokken met behulp van een sleepboot en de Nederlandse schoener GESINA EN JANSJE, kapt. Brouwer, van Altona naar Montevideo bestemd is hier in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 4 februari. Het barkschip JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, van Santos alhier de 2e dezer lek binnengelopen, is onderzocht en moet de lading, die beschadigd is, lossen. De
omvang van de schade is nog onbekend.


  JB - Javabode

Advertentie. Javasche Stoomsleepboot Maatschappij. Algemene vergadering van aandeelhouders op maandag de 14e februari a.s. tegen 4 ure ’s namiddags, in het lokaal van de Handelsvereeniging alhier.
Soerabaija, 29 januari 1876, John G. Cook en J.P. Jeltes, commissarissen.


10 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 8 februari. In de loop van het jaar 1875 zijn alhier binnengekomen: 144 stoomschepen, metende tezamen 105.821 tonnen en 27 zeilschepen, tezamen 6.825 tonnen. In datzelfde jaar zijn uit de haven vertrokken 148 stoomschepen, tezamen 105.484 tonnen en 42 zeilschepen, tezamen 11.673 tonnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 februari. Volgens extract uit het journaal van het fregatschip UTRECHT, kapt. Zweede, van Middelburg naar Samarang bestemd en beladen met kolen en stukgoed, werd op de 2e november 1875 op 43˚ ZB 46˚ OL brand in de lading ontdekt, waardoor men genoodzaakt werd tot behoud van schip en lading, de brandende en verhitte kolen overboord te werpen, waartoe in de gehouden scheepsraad met eenparige stemmen besloten was.
Na het verwerken van het stukgoed werd gedurende zes dagen ongeveer 270 ton kolen overboord geworpen. Men had tevens al die tijd zwaar stormweder en hoge zee, waardoor veel zeilen wegwoeien, het tuig veel schade leed en de lading stukgoederen, door het overkomen van zware stortzeeën die in de geopende luiken vielen en door de kolenstof, zwaar beschadigd werd. De equipage heeft zich bij die gelegenheid door onvermoeide arbeid en onverschrokkenheid zeer onderscheiden en de bevelen van de gezagvoerder met de meeste bereidwilligheid uitgevoerd, terwijl een passagier, de heer IJpes, zoveel in zijn vermogen was de behulpzame hand bood door het schip te sturen als anderszins.
Een Noorse bark was in de nabijheid, die daarom verzocht zijnde, zich bereid verklaarde bij de UTRECHT te blijven (zie ons bericht onder Point de Galle in dato 9 jan. 1876). De luchtkokers en buikdenning zijn gedeeltelijk verbrand, terwijl de schade aan schip en lading door storm en brand geleden, nog niet bepaald kan worden voor het schip gelost is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 februari. Volgens telegrafisch bericht van St. Vincent, d.d. 7 februari, was het Nederlandse schip ANTJE, kapt. Julius, van Akyab naar Falmouth bestemd, zwaar lek aldaar aangekomen en moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carrickfergus, 5 februari. Het barkschip WILHELMINA AGATHA, kapt. Dekker, van Liverpool naar Curaçao bestemd, is 4 dezer wegens tegenwind alhier binnengelopen, doch heeft heden de reis weder vervolgd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Silloth, 7 februari. Volgens bericht van kapt. Staal, voerende het schip TJADDA GESINA, van Rio Grande alhier aangekomen, was de 3e dezer te middernacht, gedurende stormweer een man van de equipage, genaamd George Richard Wentzel, 17 jaar oud, overboord gevallen en verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 7 februari. Volgens bericht uit New York, in dato 26 januari, heeft het bericht van het stranden bij Bahia Honda van het Nederlandse schip THORWALD, van New Orleans naar Havre, zich niet bevestigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ronne, 2 februari. De alhier 17 oktober met averij binnengelopen kof ALPHA, kapt. Lukkien, verliet heden, na volbrachte reparatie de haven, om de reis naar Engeland voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 7 februari. Het bericht, dat de Nederlandse brik AGATHA, kapt. Zeilinga - gisteren gemeld - van Cuxhaven naar Hamburg vertrokken is, blijkt onjuist te zijn; genoemd schip is 7 dezer van hier naar Curaçao en de Nederlandse schoener CERES, kapt. Scherpbier, van Rio de Janeiro, met behulp van een sleepboot uit deze haven naar Hamburg vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. Ament, P. Reineke en Ed.C.A. Koli, makelaars, zullen op maandag 28 februari 1876, des namiddags te 3 uur precies, in het lokaal De Witte Zwaan te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogst mijnende presenteren te verkopen het snel zeilend, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd RAPHAEL, gevoerd door kapt. G. Molenaar. Volgens Nederlandse meetbrief lang 32 meter, wijd 4,54 meter en hol 2,77 meter en alzo gemeten op 179 tonnen of 94 lasten. En dat met al deszelfs rondhouten, opstaand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften als breder bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde brikschip ligt aan de Oosterdoksdijk te Amsterdam. Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars.


  JB - Javabode

Soerabaia, 3 februari. De (opm: Nederlands-Indische) stoomboot EGERON deed op haar laatste reis naar de Molukken en Nieuw Guinea ook Timor-Dehli aan. In die dagen, dat ze daar ten anker lag, woei het op zee een orkaan, waardoor een Duitse bark, die kort bij de kust was, haar roer verloor en niet bij machte was de bestemmingsplaats Timor-Dehli te bereiken. In nood zijnde, hees zij de bekende witte vlag in top en toen er niet spoedig genoeg hulp kwam opdagen, stuurde de kapitein van de bark zijn stuurman met een van de sloepen naar de EGERON om de gezagvoerder van die stomer om assistentie te verzoeken.
Intussen had de Gouverneur van Dehli kennis gekregen, dat er een Duits schip op de kust in nood verkeerde. Wellicht heeft men die ambtenaar ook mededeling gedaan van het talmen van de EGERON om onder stoom te gaan en hulp te verlenen. Hoe het zij, van wege de Gouverneur werd aan de EGERON last gegeven voor rekening van het Portugese Gouvernement onmiddellijk stoom te maken en de bark te gaan assisteren.
Aan boord van de EGERON dacht men er anders over. De tussenkomst zou wel kunnen worden verleend, maar men moest er 25 mille bij kunnen verdienen. Teneinde vooraf daaromtrent met de kapitein van de bark te gaan conditionneren, riep men de welwillende tussenkomst in van een der passagiers op de boot EGERON, en verzocht die Duitser zich naar boord van de bark te begeven. Aan boord van dit schip bevonden zich Portugese officieren en troepen, komende van Macao met bestemming naar Timor-Dehli.
Toen de Duitser de bark bereikte en aan de kapitein namens de gezagvoerder van de EGERON berichtte, dat voor de te verlenen hulp een betaling geëist werd van 25 mille, was men algemeen zo diep getroffen door die onheuse bejegening van de Nederlander, dat men trachtte zich op een andere wijze uit de nood te redden, waartoe de Gouverneur meewerkte door het toezenden van prauwen.


11 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars J.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, W.H. van Dam, C.H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, zullen als last hebbende van hun meesters op dinsdag 7 maart 1876, des middags te 12 uur, in de zaal aan de Scheepmakershaven No. 29, publiek veilen het Nederlands ijzeren schroefstoomschip ADMIRAAL VERHUELL, laatst gevoerd door kapt. D. Ouwehand, volgens meetbrief lang 41,30 meter, wijd 4,39 meter, hol 3,40 meter en alzo groot na aftrek van de machinekamer 210 tonnen of 111 lasten, met stoommachine, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheeps- en machinegereedschappen. De machine is van 50 paardenkrachten, lage drukking, zoals het is liggende in de Zalmhaven.
Nadere informatiën bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven 10 februari. De stoomboot MARTINUS EN HENRIETTE, van Londen naar Dordt, is op de Banjaard aan de grond geraakt. De sleepboot ZUID-HOLLAND, ter assistentie derwaarts vertrokken, kon wegens haar te grote diepgang het schip niet naderen, waarna de minder diepgaande sleepboot HELLEVOETSLUIS derwaarts vertrok. Naar later gemeld wordt is de MARTINUS EN HENRIETTE vlot en wordt door de HELLEVOETSLUIS binnengesleept. Het schip is dicht.


12 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 februari. Blijkens het dezer dagen verkrijgbaar gestelde Jaarboekje der Koninklijke Nederlandsche Zeemacht voor 1876, bestaat ’s Lands oorlogsvloot thans uit de navolgende schepen:
1. Bestemd ter verdediging van kusten, zeegaten en stromen: 4 ramschepen, 6 rammonitors 2e klasse en 5 monitors, ieder gewapend met 2 getrokken kanonnen van 23 cm. en 11 stoom-kanonneerboten (type Staunch), ieder gewapend met 1 kanon van 23 cm., alle voor den dienst gereed; 1 rammonitor der 1e klasse op stapel te Amsterdam, te wapenen met 2 kanonnen van 28 cm., en 4 kanonneerboten in aanbouw bij particuliere inrichtingen. Voorts behoren onder deze categorie nog 2 stoomkanonneerboten van bijzonder model, 1 rivier- en 1 torpedo vaartuig.
2. Schepen voor algemene dienst: 2 ramtorenschepen, gewapend 1 met 4 getrokken kanonnen van 28 cm., en 4 achterladers van 12 cm., 1 houten stoomfregat; 2 ijzeren met hout beklede schroefstoomschepen 1e kl. (type Atjeh), thans nog op stapel staande, te wapenen ieder met 6 achterladers van 17 cm.; 5 houten schroefstoomers 1e kl., tezamen gewapend met 54 stukken van 18 en 16 cm. en 14 lange 30 pond,; 4 dito 2e kl., voerende 34 stukken van dezelfde kalibers: 1 composite en 3 houten der 3de kl. met 22 stukken; 1 houten, 1 compositeen 1 ijzeren met hout beklede der 4de kl. met een bewapening van 35 stukken, 1 houten raderstoomschip van 6 stukken. Vier dezer bodems zijn in dienst in Oost- en twee in West-Indië, vier vormen het oefenings-eskader.
3. Schepen voor bijzondere dienst: 8 oude houten schepen van verschillend kaliber voor wachtschepen en dergelijke diensten in gebruik of bestemd, en 12 instructie-vaartuigen.
4. Schepen der Indische Militaire Marine: 1 houten raderstoomtransportschip, 2 ijzeren raderstoomschepen 2e klasse, 4 der 3e klasse, en 6 der 4e klasse, 4 houten en 10 composite schroefstoomschepen der 4e klasse, tezamen gewapend met 102 kanonnen; de 10 laatstgenoemden, waarvan verscheidene dienst doen als kruisers op de kust van Atchin, voeren ieder 2 achterladers van 12 cm., en 1 voorlader van 18 of 16 cm. Voorts 4 wachtschepen en 1 opnemingsvaartuig. Van deze bodems zijn er 24 in dienst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het wel onderhouden koftjalkschip, genaamd AALTJE MEIJER, groot 61 tonnen, thans bevaren wordende door H. Bosscher en liggende te Dieren. Het schip is gebouwd in 1867 en voorzien van complete inventaris om over zee te varen.
Te bevragen bij J. Koenen te Muntendam en bij de weduwe M. 't Hart, schippershuis, 2 Leeuwensteeg te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 11 februari. De stoomboot GRONINGEN zat gisteren west-noord-west voor. Met hoog water zit het voorschip met het water gelijk.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het stoomschip MARTINUS EN HENRIËTTE, op de Banjaard aan de grond geraakt is vlot en te Brouwershaven door de sleepboot HELLEVOETSLUIS binnengesleept. Het schip is dicht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Veendam op dinsdag 8 februari: het schoenerbrikschip BURGEMEESTER DANNENBORGH, groot 158 ton, gebouwd in 1864, kapt. N.J. Visker: NLG 10.340, verkocht aan L. Thaden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dantzig, 5 februari. Houtvrachten. Sedert ons laatste bericht was het bij toenemend ruimte-aanbod wat levendiger in bevrachtingen en werd naar de kolenhavens een groot aantal schepen geëngageerd. Afladers bewaren echter nog altijd hun aangenomen gereserveerde houding en, daar de vrachtkoersen in andere Oostzeehavens ook zeer gedrukt zijn, laat zich een verhoging der hier bewilligde koersen in de eerste tijd niet verwachten. Gesloten werd onder andere naar Dordrecht tot NLG 17 per last vierkant, NLG 19 per last eiken sleepers, Weener 8 thaler per last grenen balken.
Graanvrachten. Op voorjaarsaflading zonder verandering. Naar Groot Britannië kwamen weder enige afsluitingen tot stand tot reeds vroeger medegedeelte koersen.
Kolenvrachten in flauwe stemming. Men noteert van Firthhavens GBP 7, Newcastle, Hartlepool en Sunderland GBP 6 à GBP 6/10, Hull en Grimsby GBP 4/10 à GBP 5, alles naar Neufahrwasser.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 5 februari. In bevrachtingen is tot heden nog weinig beweging. Onze afladers bieden naar Londen Sh.14/- per load grenen balken, andere havens in verhouding. Terwijl de reders over het algemeen Sh.15/- eisen, is hun gewis bescheiden vordering op het ogenblik niet te bereiken. Gesloten werd onder meer naar Southampton tot Sh.16/-, Bristol Sh.17/-, Conway Sh.19/-, Liverpool en Suttonbridge Sh.14/-, Hill Sh.13/6, Oostkust kolenhavens Sh.11/-, alles load grenen balken.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Zierikzee, 11 februari. Het casco van het Italiaanse barkschip DUE AMICI, dat in september j.l., na stranding op Onrust, alhier binnen gebracht en verkocht is voor NLG 4.500, werd de 8e dezer te Rotterdam op nieuw in veiling gebracht. Het hoogste bod was NLG 3.000, waarvoor het is opgehouden.


13 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 9 februari. Hedenmiddag is van hier vertrokken naar Vlissingen om te dokken, het driemast schip WESTERSCHELDE, kapt. Ran.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 11 februari. In de hedenmiddag gehouden zitting van de Gemeenteraad is besloten tot het verwijden van de toegang tot het scheepsdok van de Commercie-Compagnie, om daar grote schepen te kunnen inlaten, de thans aldaar liggende ophaalbrug af te breken en te vervangen door een ijzeren draaibrug en in de kosten gedeeltelijk door een geldlening van NLG 20.000 te voorzien.


  AH - Algemeen Handelsblad

Yarmouth, 10 februari. De Nederlandse schoener NEUTRAAL, kapt. B. Uuldriks, van Hammerfest met vis naar Venetië, is alhier binnengesleept; de gezagvoerder is over boord gevallen en enige zeilen zijn weggesneden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 10 februari. Het schip LAURA MARIA, kapt. Schorsby, van Rotterdam naar New York, is hier met verstopte pompen en te licht geballast binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 5 februari. Het Groninger brikschip JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, van Santos naar hier bestemd om order, en 2 dezer alhier aangekomen, heeft op de reis zeilen en verschansing verloren, de boegspriet gekraakt en de naden van het dek en de waterklossen gesprongen. Het schip maakte 7½ duim water per uur, had koffie opgepompt en kreeg onklare pompen. Het schip is thans nagezien en moet zoveel lossen tot dat er twee bladen van het koper boven water komen en zou dan verder nagezien worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Randers, 7 februari. De Nederlandse galjoot GEERDINA, kapt. M.H. Stuut, van Brugge op hier bestemd, is gisterennacht bij het binnenkomen op de rivier aan de grond geraakt. Het schip zal geen schade lijden, doch moet lossen om weder vlot te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 februari. Aan de binnenkant van de 2e en 3e ton van de Huisduiner Bol zit een onbekende brik aan de grond. Volgens later ontvangen bericht is het gestrande schip de GIOVANNI, kapt. Dritzas, van Taganrog.
(opm: zie ook AH 140276)


14 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 12 februari. Heden is aan de werf van de scheepsbouwmeester M. van der Kuijl de kiel gelegd van een ijzeren sleepschroefstoomboot voor rekening van de heren J. van der Velden & Co. te Papendrecht. De stoommachines worden vervaardigd aan de fabriek van de heer B. Wilton te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwendiep, 13 februari. Het gisteren gestrande schip GIOVANNI, kapt. Dritzas, van Taganrog, is verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 6 januari. Vrachten. De vraag naar scheepsruimte was sedert het laatste bericht zeer gering en zijn de vrachtkoersen verder gedaald. De afsluitingen van Nederlandse schepen zijn: stoomschip PRINS HENDRIK, naar Nieuwediep, NLG 75 voor koffie, NLG 80 à 90 voor thee, NLG 80 voor tabak, NLG 120 voor indigo; de Nederlandse ERASMUS, naar Rotterdam tot geheime condities.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Wildervank op donderdag 10 februari: het galjootschip CATHARINA HOFLAND, groot 128 tonnen, gebouwd in 1856, kapt. G.R. Hazewinkel: NLG 5.450,-, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 12 februari. Heden is aan de werf van de scheepsbouwmeester M. van der Kuijl de kiel gelegd van een ijzeren sleepschroefstoomboot voor rekening van de heren J. van der Velden & Co. te Papendrecht. De stoommachines worden vervaardigd aan de fabriek van de heer B . Wilton te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Wildervank op donderdag 10 februari: het galjootschip CATHARINA HOFLAND, groot 128 ton, gebouwd in 1856, kapt. G.R. Hazewinkel: NLG 5.450, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 februari. Heden ochtend verspreidde zich hier al vroeg het gerucht, dat er een schip op de Zuidergronden was gestrand. Het stoomschip URANIA, naar Kopenhagen bestemd, maar door onstuimig weer en sneeuwbuien genoodzaakt terug te keren, had de brik om hulp zien seinen, maar kon onmogelijk assistentie verlenen: ’t was ook voor de altijd zo hulpvaardige en moedige vletterlieden van Den Helder en Huisduinen niet mogelijk, om met hunner rankte vletten de gevaarlijke Zuiderhaaks, ten gevolge van de woedende branding, te genaken. Onmiddellijk werd nu aan het Nieuwediep de reddingsboot te water gelaten en met 12 rappe zeelieden, die zich daartoe aanboden, bemand. Met volle kracht stoomde de sleepboot STAD AMSTERDAM met de reddingsboot op sleeptouw zo nabij mogelijk de plaats waar van het gestrande schip zat. Tal van toeschouwers hadden zich naar het strand begeven om het treffende schouwspel der redding te zien. Vrij algemeen was, ook bij de ervaren zeelieden, het denkbeeld dat de reddingsboot het onmogelijke ging wagen, omdat de branding nabij het schip verschrikkelijk was. Toch liet de bemanning zich niet afschrikken. Menige bange kreet ging op van het strand, als een vervaarlijke stortzee op de reddingsboot neersloeg en hare menslievende bemanning scheen te zullen verpletteren. Trots al die gevaren hield zij vol en bereikte zij, met inspanning van alle krachten, de brik. Het schip zat echter zodanig, dat zij niet langszij de redding kon bewerkstellingen; zij moest het dus aan den voorsteven beproeven. Met beleid en zeemanschap mocht dat gelukken. Een voor een gelukte het den schipbreukelingen in de reddingsboot te springen. IJzingwekkend was het gezicht hoe de reddingsboot, met zijn kostbare last, uit twaalf schipbreukelingen bestaande, als een veer door de woedende branding werd opgeheven en weer neerplofte. De noodlottige Haaks, het kerkhof van zovele schipbreukelingen, scheen den redders hare prooi met woedende kracht te willen betwisten. Een golfslag rukte een der schipbreukelingen uit de reddingsboot en drie man van de opvarenden dreigden hetzelfde lot te zullen ondergaan. De eerste werd niet dan met de uiterste inspanning bij zijn arm gegrepen en gered.
Nu ging het met dubbele moed naar de sleepboot terug; dáár werden de schipbreukelingen liefderijk opgenomen en in de haven van het Nieuwediep ontscheept. Zij zagen er zeer beklagenswaardig uit; in de betrekkelijk korte tijd sedert hunne stranding hadden zij veel geleden. Onmiddellijk werd door de zorg van de heren Duinker en Goedkoop, scheeps-makelaars alhier, voor een logement en gewenste verpleging der geredden gezorgd en men kon het hun aanzien, hoe gevoelig zij waren, die zich nog even te voren reddeloos verloren achtten.
De bemanning der reddingsboot is verre boven onzer lof verheven. Zij heeft opnieuw bewezen dat zij eigen laven en vrouw en kinderen voorbij ziet, wanneer natuurgenoten in levensgevaar verkeren, en wij achten een openbare vermelding hunner namen een welverdiende hulde. Het zijn: de schipper J. Koningstein, N. de Wit, stuurman, en A. van den Berg, C. Bakker, J. Been, M. Bethlehem, K. Bot, D. Bruning, G. Veen, K. de Roover, D. Stein, A. Stol als instappers.
Het gestrande schip was, zoals reeds per telegram is vermeld, het Griekse barkschip GIOVANNI, kapitein Dritzas, met een lading rogge van Taganrog naar Amsterdam bestemd. Vermoedelijk zal het schip verloren zijn; het zit op een der gevaarlijkste plaatsen van de Zuiderhaaks.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke Verkoping van een kruis-schoenerschip op dinsdag de 22e februari 1876, des avonds te 6 uur, in ’t hotel Struvé te Sappemeer tegen contante betaling, van het snelzeilend, gezinkt en best onderhouden Nederlands kruis-schoenerschip KONING WILLEM III, groot 188 tonnen, volbouwd in 1870, met al deszelfs opgoed, toebehoren en chronometer, laatst gevoerd door kapt. K.J. Scholtens, geclassificeerd Veritas 3.3. G. 1.1. voor 9 jaren, thans liggende te Antwerpen. Adres aldaar bij de heer scheepsmakelaar Telghuijs. De inventarissen liggen in tijds op de gewone plaatsen ter lezing.
Mr. C. Hartman Busmann, notaris.


15 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 14 februari. Door de Hollandsche Bergings-Company te Amsterdam is met de assuradeuren van het stoomschip GRONINGEN een overeenkomst gemaakt tot het doen van pogingen tot afbrenging van genoemd stoomschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 6 januari. Naar wij vernemen heeft de 1e stuurman van het Nederlands-Indische stoomschip MERAPI bij de militaire commandant te Palembang een klacht ingediend over de slechte voeding, die de militairen aan boord van die stomer werd verstrekt.
De gezagvoerder van de MERAPI moet daarop de 1e stuurman ontslagen hebben.
De militaire commandant, overste Phaff, heeft de klacht onderzocht en moet de juistheid er van met verklaringen van verschillende getuigen hebben bewezen.
Zo zou dan door onenigheid tussen gezagvoerder en 1e stuurman iets aan het licht komen, wat anders tot nadeel van de soldaat allicht zou zijn verborgen gebleven.
Intuusen zullen wij de zaak nader onderzoeken, te eerder, omdat de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij dikwijls bewijzen van goede zorg voor de militair gegeven heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men leest in de Java Bode:
In ons nummer van de 3e dezer werd een bericht opgenomen over de voeding van de militairen aan boord van het stoomschip MERAPI van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, welk bericht nu kan worden aangevuld.
De eerste stuurman had aan de militairen verbeterde voeding verstrekt, tegen de zin van de kapitein, die daarop handelde als in ons nummer van de 3e dezer aangegeven. De stuurman heeft toen een stuk opgemaakt, dat door de onderofficieren en manschappen van het transport getekend en door overste Phaff, na ingesteld onderzoek gewaarmerkt is. In dat stuk wordt de kapitein van de MERAPI echter niet aangeklaagd; het dient alleen om te certificeren dat de gewone voeding slecht en de verbeterde voeding noodzakelijk was.
De stuurman zal door de maatschappij op een andere stomer geplaatst worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 februari. Het op de Zuidergronden gestrande schip JOANNIS (en niet GIOVANNI, zo als in ons vorig nummer gemeld), kapt. Dritza, van Taganrog naar Amsterdam, is geheel verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 12 februari. De JOHANNES, kapt. Kopcke, van Philadelphia naar Rotterdam, is alhier aangekomen met verlies van boten, verschansing en stutten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. C. Ament, J.F.L. Meyjes, W.Y. van Reinouts, P. Reineke en A.D. Strumphler, makelaars, zullen, op dinsdag de 22e februari 1876, des namiddags te 3 uur precies, in het lokaal “De Brakke Grond” te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, aan de meestbiedende of hoogstmijnende presenteren te verkopen het snelzeilend en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ALBATROS, gevoerd door kapt. H.H. Koch. Volgens Nederlandse meetbrief lang 31 meters, wijd 5 meters 65 centimeters, hol 4 meters 67 centimeters en alzo gemeten op 364 tonnen of 192 lasten. En dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld.
Het voorzegde barkschip ligt aan de werf Het Witte Kruis, Kleine Kattenburgerstraat te Amsterdam.
Iemand nader onderricht begerende spreke met bovengenoemde makelaars of met de cargadoor de Wed. Jan van Wesel & Zoon, Kalkmarkt 8, te Amsterdam.


17 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 16 februari. Heden werd op de werf van de heren J. & K. Smit alhier de kiel gelegd voor een schroefstoomboot genaamd STAD TIEL No. 2, bestemd voor de dienst tussen Amsterdam en Tiel, onderneming van F. den Hartog en weduwe C. van Ude. De machines zullen worden vervaardigd in de fabriek van de heren Diepenveen, Lels en Smit.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. Volgens brief van kapt. Van Dijk, voerende het schoenerbrikschip RAAF, de 10e dezer te Queenstown aangekomen, na een reis van 56 dagen van Minatitlan, was hij, zijn equipage door ziekte verloren hebbende, slechts met de stuurman en een jongen van laatstgenoemde plaats vertrokken.
De 27e januari op 45˚ NB 42˚ WL, werd hij door een orkaan belopen die uit het ZO begon en vervolgens door het Z en ZW naar het NW liep, waaruit het geweldig bleef doorwaaien. Bij die gelegenheid verloor het schip de kluiverboom en brak de stuurman een arm, zodat slechts twee personen aan boord overbleven in staat om te werken. De gezagvoerder rapporteert diezelfde dag een schoener te hebben zien drijven, zonder stengen, bijliggende voor dicht gereefd brikzeil, zwart geschilderd, van Engelse bouw met witte lijst en vrouwenbeeld op de voorsteven. De lading van de RAAF is naar Liverpool bestemd en zou de gezagvoerder derwaarts vertrekken zodra het weer wat handzamer werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 februari. Aangaande het Nederlands schip JOHAN HEINRICH, kapt. De Jonge, van Rotterdam naar Pillau, 29 november Kopenhagen gepasseerd, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 11 februari. Een Noord-Duitse schoener, beladen met steenkolen en bestemd naar Grietzijl (opm: Greetsiel), zit hier voor de haven in het ijs vast. Er vertoont zich zowel drijfijs als vast ijs op de Eems.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 11 februari. Het Nederlands schip MINERVA, kapt. Wekenborg, van hier naar Leith vertrokken, is lek, met schade aan de boeg en na een gedeelte van de lading over boord geworpen te hebben, met assistentie van een sleepboot uit zee teruggekomen, zijnde in het ijs bezet geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 15 februari. Het driemast schoenerschip KOSMOPOLIET, van Rio de Janeiro naar Hamburg, laatst van Falmouth, is met behulp van een sleepboot hier in de haven gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 12 februari. Het schip JOHANNA CORNELIA, kapt. Klingen, van St. Petersburg naar Leith, is heden van hier vertrokken na volbrachte reparatie.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helsingfors, 31 januari. Door de vroege winter is hier ingevroren de brik CATO, kapt. Bakker, uit Harlingen, en te Rungehamn de schoener ALBERDINA, kapt. De Vries, en de kof VRIENDENTROUW, kapt. Scherpbier, beide uit Oude Pekela.


18 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Het Tjunia-veer alhier heeft eindelijk de in Nederland vervaardigde en te Soerabaija in elkander gezette stoomprauw BATAVIA in bezit gekregen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 16 februari. Het voornemen bestaat een krachtige poging te doen tot aanleg van een flinke Nederlandse stoomvaartlijn tussen Harlingen en Londen, om te kunnen concurreren met de Engelse maatschappij, die tot nu toe, behoudens enkele zeer korte tussenpozen, geheel het monopolie heeft gehad van de exportdienst voor de enorme handel van de noordelijke provinciën op Engeland. Men wil daarvoor een maatschappij oprichten met een kapitaal van een miljoen gulden, in niet te grote aandelen. De navolgende heren, die zich tot een comité van oprichting hebben geconstitueerd, hebben zich geheel bereid verklaard, krachtdadig tot de oprichting van de maatschappij te zullen medewerken: Jhr. Mr. J.H.F.K. van Swinderen te Rijs, Jhr. J.F. van Humalda van Eijsinga te Leeuwarden, Mr. W.A. Bergsma te Dronrijp, J.N. Witteveen te Leeuwarden, Mr. C.W.A. Buma aldaar, W.H.F. Baron Van Heemstra te Harlingen, Mr. D. de Bloeq van Scheltinga te Heerenveen, Jhr. Mr. C.W.A. Alberda van Ekenstein te Groningen, Mr. D. de Ruyter Zylker te Winschoten, W.A. Scholten te Groningen, Mr. B. van Roijen aldaar en J.H. Roemeling te Finsterwolde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Vrachten. De Nederlandse stoomboot CELEBES, naar Amsterdam, NLG 52,50 voor suiker, NLG 60 à 70 voor Santos koffie, NLG 47,50 à 60 voor tabak, NLG 100 voor huiden; SCHIEDAM, naar Rotterdam, NLG 50 voor suiker te Samarang, NLG 60 voor koffie te Tjilatjap; de IJMUIDEN naar het Kanaal, GBP 2.10/- naar de U.K., GBP 2.15/- naar het continent; GIJSBERTUS HERMANUS naar Het Kanaal, GBP 2.10/- naar de U.K.
In lading hier en op de kust de Nederlandse schepen naar Nederland: de stoomschepen HOLLAND, FRIESLAND en KONING DER NEDERLANDEN, de zeilschepen FERDINAND EN LOUIS, TWEE GEZUSTERS en FRIESLAND.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, NOACH I en de stoomboot BORNEO.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 11 februari. Het schip JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, van Santos de 2e februari met schade en verstopte pompen alhier binnengelopen, is begonnen te lossen om van onderen bij de pompen te kunnen komen. Een gedeelte der lading is beschadigd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harlingen, 16 februari. Verkoping van schepen. De Nederlandse schepen ARGO en TRITON, respectievelijk op 2 en 9 dezer alhier in publieke veiling geweest, zijn opgehouden.


19 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 februari. Volgens brief van kapt. Reeders van het schip MARIA ANNA CATHARINA ELISABETH, dato Makassar 5 januari, was hij 25 december aldaar aangekomen, had 25 oktober en de drie volgende dagen zware storm gehad, waarbij de kluiverboom brak en het schip een en andere schade bekwam, in de nabijheid van Makassar had hij wegens tegenwind moeten ankeren. Het gedeelte lading, dat gelost was, bevond zich in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingborg, 31 januari. Het Nederlandse schip CATO, kapt. Bakker, van Harlingen naar Finland, ligt alhier en de Nederlandse schepen ALBERDINA, kapt. De Vries en VRIENDENTROUW, kapt. Scherpbier, beide van Harlingen naar Kongshamn, zijn te Rungehamn ingevroren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Het fregatschip 's-GRAVENHAGE, kapt. De Vries, van Passaroeang naar Rotterdam, 5 januari alhier lek binnengelopen, is bezig de lading te lossen die zwaar beschadigd is. Het schip zal waarschijnlijk naar Singapore vertrekken om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Het stoomschip, afgezonden tot assistentie van het bij Billiton gestrande schip SEATON, is door het onstuimige weer niet in staat geweest enige hulp te verlenen. De gezagvoerder die met de equipage hier is aangekomen, bericht dat, behalve de scheeps-inventaris die op de plaats voor NLG 2.272 verkocht is, weinig geborgen werd. Het wrak is verkocht voor NLG 7.920.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 januari. Van het door aanvaring met de ATJEH gezonken stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN zijn nog geborgen 31 zakken, mail bevattende. Een van de duikers is in de speelkamer geweest, doch hij was door de zwaarte van de kist, waarin het geld geborgen is, niet in staat die op te lichten. De 21e januari zal men het bergen met meerdere krachtaanwending voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 3 januari. Het Nederlandse schip VELOX, kapt. Mulder, is hier bevracht naar Taiwanfoo, Chefoo en terug naar Amoy, met 25 ligdagen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Veendam, op dinsdag 15 februari: het schoenerschip GEERDINA, groot 136 tonnen, gebouwd in 1856, kapt. K. Flik. NLG 7.425,-. Koper K. Flik.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 17 februari. De Groninger schoener GRUNO, kapt. A.A. Potjer, van Hamburg naar de westkust van Afrika, is over de Zuidergronden gestormd, doch met assistentie van vletterlieden hier als bijlegger op de rede gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Havre, 16 februari. Het schip THORWALD, kapt. Gundersen, is heden van New Orleans hier binnengekomen. Alles wel aan boord. De berichten wegens de stranding van dit schip te Bahia Honda (Cuba) zijn derhalve onwaar geweest.
(opm: zie PGC 150176)


20 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed, tot diepe droefheid van mij en mijn kinderen, mijn hartelijk geliefde echtgenoot Leendert Gerrit Verbeek, oud-kapitein ter koopvaardij, in de ouderdom van ruim 68 jaar. Rotterdam, 14 februari 1876.
Wed. S.F. Verbeek-Van der Moor.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 18 februari. Zr.Ms. stoomschip AMSTEL wordt in de loop van deze zomer ingericht tot wachtschip, waartoe de machine uit het schip zal worden verwijderd. Dit vaartuig moet de te Vlissingen sedert 1874 gestationeerde kanonneerboot No.35 vervangen.


22 februari 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Jl. dinsdag werd voor het gerechtshof te Leeuwarden behandeld o.a. het appel, ingesteld door de officier van justitie bij de arrondissementsrechtbank te Appingedam, tegen het vonnis dier rechtbank van de 6de januari jl., waarbij die rechtbank zich onbevoegd heeft verklaard kennis te nemen van de zaak c.a. J.J.V., oud 21 jaren, schipper, wonende te Farmsum. Die zaak betrof een diefstal, gepleegd in volle zee, welke diefstal zich volgenderwijs heeft toegedragen. De beklaagde n.l., komende van Memel en onderzeil naar Brake, de 2de november 1875 in de Noordzee en wel op 55º15’ NB 6º45’ OL, zijnde volle zee, heeft van de op die hoogte drijvende verlaten bark AMBASSADOR van Northshields arglistig ten nadele van de eigenaren of assuradeurs van die bodem doen afhalen door zijn stuurman H.L. en de matroos J. de V. en aan boord der AGATHA, een Nederlands schip, doen overbrengen ongeveer 20 meter marsschoot ketting, een tros, twee marszeilen, 17 houten blokken, enige einden touw en een blokschaaf, alle welke goederen hij zich heeft toegeëigend. De rechtbank overwoog, overeenkomstig de conclusie van des beklaagden verdediger, dat die diefstal, volgens de algemene aangenomen rechtsregel, dat een schip op zee een deel is van het grondgebied van de staat, waartoe het behoort, geacht moet worden niet op Nederlandse bodem, maar in het buitenland door een Nederlander, ten nadele van een vreemdeling te zijn bedreven, en dat hierin in werkelijkheid ligt opgesloten de bewering, dat deze zaak alleen aan de beslissing van de rechter van het land, waartoe het vreemde schip behoort, mag worden onderworpen. Het openbaar ministerie bij opgemeld hof, waargenomen door de advocaat-generaal Mr. Visser, requireerde, dat het hof het vonnis a quo zoude bevestigen, met veroordeling van de staat in de kosten. Heden voormiddag te half elf uur uitspraak van het arrest.


23 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 februari. Hedenochtend vertrok van hier naar New York het stoomschip W.A. SCHOLTEN, kapt. J. Jansen, van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, aan boord van welk stoomschip de leden van de hoofdcommissie voor de Philadelphia tentoonstelling L.C. van Kerkwijk, C.J. van der Oudermeulen, de secretaris/architect C. Muijsken, de twee opzichters A.A.M. Beretta en C.J. Laarman, de vier onderofficieren van de artillerie en acht door de hoofdcommissie aangestelde werklieden zich bevonden, benevens de gehele inzending van voorwerpen door de Nederlandse industriëlen, landbouwers en schilders voor de tentoonstelling bestemd. De voorzitter van de hoofdcommissie prof. E.H. von Baumhauer en de leden De Monchy en Van der Kellen, alsook de directeur van de Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, de heer Plate, hadden zich naar Vlissingen begeven om de inscheping van de goederen te regelen en de vertrekkenden uitgeleide te doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 21 februari. Aangaande het schip JOHAN HEINRICH, kapt. A. E. de Jonge, waarvan wij dezer dagen melding maakten als waarschijnlijk te zijn verongelukt, is dienende, dat de 4e dezer van gemelde bodem bericht is ingekomen van de gezagvoerder, dat hij goed en wel met die bodem op de binnenrede van Kopenhagen geankerd was en bij open water zodra mogelijk naar de bestemmingsplaats zou vertrekken. Het schip kwam van Rotterdam en was bestemd naar Koningsbergen en moest, na reeds in de Oostzee geweest te zijn, wegens ijsgang retourneren naar Kopenhagen en wel op de 29e november 1875.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 februari. Het Nederlandse schip AMALIA, kapt. Bakker, van Suriname alhier binnen, heeft 27 en 28 januari zware stormen doorgestaan, waardoor de kluiverboom en boot verloren gingen en de lijfnaden sprongen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam op 22 februari in de Brakke Grond: het Nederlandse schip ALBATROS, gevoerd door kapt. Koch, groot 364 tonnen, opgehouden voor NLG 9.900.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.H.z., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam, C.H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meesters, op dinsdag 7 maart 1876, des middags ten 12 ure, na afloop van de veiling van het stoomschip ADMIRAAL VERHUELL, in de zaal aan de Scheepmakershaven No. 29, publiek veilen:
- Het Nederlands ijzeren schroefstoomschip ELISE, laatst gevoerd door kapt. De Vries, volgens ijkbrief groot 8.078 centenaars, 28 kilogrammen, zoals hetzelve is liggende in de Blaak te Rotterdam.
- Het Nederlands ijzeren schroefstoomschip JEANNETTE, laatst gevoerd door kapt. G. Koekoek, volgens ijkbrief groot 9.673 centenaars, 44 kilogrammen, zoals hetzelve is liggende in de Haringvliet te Rotterdam.
Beide met dezelve stoommachine van 50 paardenkracht, hoge drukking, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheeps- en machinegereedschappen.
Nadere informatiën bij bovengenoemde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triëst, 17 februari. Het schip HELENA FLORENTINA, kapt. Rozenbeek, vertrekt heden naar Riga, 11.150 Rijksmark vracht makende.


24 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 15 februari. Ongeveer een derde van de lading van het alhier van Santos met verstopte pompen binnengelopen Nederlandse schip JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, is gelost. De grootste schade aan de lading is bij de pompzode en enige lichte schade door lekkage van het dek. Driehonderd zakken koffie zijn in een lichter gelost, waarvan ongeveer 200 beschadigd. In het pakhuis zijn 802 zakken onbeschadigd en 293 beschadigd en 19 wan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 22 februari. Het schip GEERT HENDRIK, kapt. Uldriks, van Antwerpen naar de Oostzee bestemd, is door desertie van matrozen met de scheepsboot, genoodzaakt in de haven te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 9 februari. Van het barkschip CURAÇAO, van Curaçao alhier aangekomen, is de 2e februari op 37º NB 72º WL gedurende een zware storm uit het noord-westen de top van de bezaansmast gebroken.


  JB - Javabode

Advertentie. In de eerste helft der maand maart zullen Van Vleuten & Cox op publieke vendutie verkopen het Franse A.I barkschip JUTHIA, met inventaris, gemeten 201 tonnen, ladende 4.600 pikols zwaar goed, gebouwd in 1864 te Bordeaux, thans hier ter rede liggende. Nadere informatiën bij Van Vleuten & Cox. (opm: volgens aankondiging in de JB van 9 maart 1876 zal de vendutie plaats vinden op de 14e maart, ten 11 uur precies).


25 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 24 februari. Heden is van de werf, toebehorende aan de scheepsbouwmeester W. van der Windt, met goed gevolg te water gelaten het sloepschip DE ONDERNEMING, bestemd voor de kabeljauwvisserij, zullende gevoerd worden door stuurman M. de Gaast voor rekening van de heer Schwemly te Zwartewaal.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Dordrecht op woensdag 23 februari: het schoenerschip BIESBOSCH, groot 109 ton, kapt. J.A. Vogelsang: NLG 1.500. Opgehouden.


26 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 23 februari. In de dezer dagen alhier gehouden 2e jaarlijkse vergadering van de vereniging Eendracht maakt Macht, welke ongeveer 700 zeevarende leden telt en ten doel heeft de bloei van de zeevaart naar vermogen te bevorderen, waren aanwezig afgevaardigden van al de 6 in deze provincie bestaande afdelingen. Ook was aanwezig de directeur van de afdeling zeevaart van het meteorologisch instituut te Utrecht, de heer J.E. Cornelissen. Door die heer werden zeekaarten aangeboden, die men hoopt dat de aanvang zullen zijn van de door de vereniging tot stand te brengen zeevaartkundige bibliotheek. De vergadering besloot zich tot de regering te wenden,
- om te Oostmahorn en op het einde van Ameland kustlichten te bekomen; om vrijstelling van loodsgelden te doen verlenen, als men geen loods kan bekomen of gebruik moet maken van een vreemde loods;
- om de loodsgelden per gemeten ton of kubieke meter te doen heffen in plaats van per diepgang;
- om in de Golf van Mexico een Nederlandse consul aan te stellen.
De vergadering zal ondersteunen het voorstel om de stuurman examens te doen afnemen door één vaste staatscommissie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 24 februari. Het Nederlandse schip MAARTEN VAN ROSSEM, kapt. Huizer, is heden na volbrachte reparatie naar Batavia vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 18 februari. De romp en inventaris van het alhier de 12e oktober gestrande Nederlandse tjalkschip GEZINA, kapt. P.W. Nieuwenhuis, van Memel naar Bremen, hebben in publieke veiling 3.731 kronen opgebracht.
(opm: zie ook NRC 250376)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 februari. De helft van de specie, ex. WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, is opgevist en vertrouwt men het overige ook te zullen redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Sappemeer, op dinsdag 22 februari: het kruis-schoenerschip KONING WILLEM III, groot 188 ton, gebouwd in 1870, kapt. Scholtens: NLG 15.950, verkocht aan D. Mulder & Zn. te Winschoten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 februari. Sedert laatstleden dinsdag kwam er nogal enige vraag naar scheepsruimte voor. Gedaan werd naar Yarmouth tegen Sh.18-/ en naar het kanaal van Bristol Sh.24-/ per 10 quarters haver. Voor de Franse voorhavens besteedde men Ffrs. 23 per 30 hectoliter haver. Van Newcastle naar hier werd gedaan tegen GBP 7.10 per keel steenkolen.


27 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 februari. Heden is op de scheepswerf van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen met goed gevolg te water gelaten de ijzeren stoomkanonneerboot FRET. Het is de eerste van de twee kanonneerboten die aldaar in aanbouw zijn voor rekening van het Departement van Marine.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 25 februari. Hedenmiddag stoomde uit deze haven, ter opvolging van zijn bestemming naar Curaçao, het schroefstoomschip ARUBA, commandant luitenant ter zee 1e klas Jhr. J.A. Roëll.


28 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 27 februari. Alhier zijn ter rede tegen elkaar aangedreven de Engelse bark MAGGIE A. CHAPMAN, kapt. Dennier en de Amerikaanse bark ADIE MAC.ADAM, kapt. Curtis, laatstgenoemde is daarna op de Kaloot gestrand.
Verder heeft nog een aandrijving plaats gehad tussen de Spaanse bark RAMOS, kapt. Berica en de Noorse bark SAGATUN, kapt. Fredrikse. Beide zijn belangrijk beschadigd.
De RAMOS verloor de boegspriet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 20 januari. Vrachten. Gedurende de afgelopen 14 dagen zijn de vrachtkoersen weder lager gegaan, daar er weinig lading wordt aangeboden en de beschikbare ruimte voldoende is om in de tegenwoordige beperkte vraag te voorzien.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: TELANAK en PHILIPS VAN MARNIX.


  AH - Algemeen Handelsblad

Door het Departement van Financiën zijn in de Staats-Courant van gisteren openbaar gemaakt enige uitvoerige staten betreffende de Nederlandse scheepvaart. Wij ontlenen daaraan het volgende.
Gedurende het jaar 1875 zijn voor de eerste maal Nederlandse zeebrieven uitgereikt aan:
7 fregatten, 9 barken, 8 brikken, 4 schoener-brikken, 7 schoeners, 3 galjoten, 12 tjalken, 1 hoeker, 7 stoomschepen, totaal 58 vaartuigen, metende te samen 27.987 tonnen, waarvan binnenslands gebouwd 28, metende 10.482 ton en buitenslands gebouwd 30, metende 17.505 ton. Blijkens de in 1875 ingekomen berichten zijn gesloopt, verongelukt, buitenslands verkocht of op andere wijze uit de vaart geraakt: 1 fregat, 10 barken 8 brikken, 1 schoener-brik, 4 schoeners, 11 galjoten, 11 koffen, 2 tjalken, 2 hoekers of kotters, 1 stoomschip, totaal 51 schepen, metende 13.540 ton, waarvan 44 binnenslands en 7 buitenslands gebouwd.
De vergelijkende staat van de koopvaardijvloot levert de volgende uitkomsten.
Aanwezig op 31 december 1875: 149 fregatten, 206 barken, 79 brikken, 150 schoener-brikken, 310 schoeners, 203 galjoten, 275 koffen, 221 tjalken, 8 smakken, 158 hoekers, kotters, enz. , 86 stoomschepen, totaal 1.835 schepen, metende 514.725 ton, tegen 1827 schepen, metende 500.181 ton, op 31 december 1874.
(opm: verkort weergegeven)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Texel, 25 februari. Het Hoogezandster galjootschip SUSANNA, kapt. K.P. Huges, van Hartlepool met steenkolen naar Harlingen, is hier gestrand. Het volk is gered, de lading wordt geborgen.


  JB - Javabode

Makassar, 18 februari. Het stoomscheepje ADEKA is met veel geur (opm: mogelijk veel feestelijkheid) te water gelaten. (opm: misschien op Banda)


29 februari 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 26 februari. Door de burgerij van deze gemeente wordt zeer verlangd, dat de beloofde afschaffing van de lijfstraffen aan boord van Zr.Ms. oorlogsschepen spoedig worde tot stand gebracht. Deze morgen toch werd aan boord van het wachtschip de nog altijd barbaarse wijze van straffen bij de marine, "het slaan", toegepast. Het geschreeuw van de schepeling klonk akelig boven het tromgeroffel, dat bij dergelijke straffen wordt aangeheven, uit. Algemeen is de afschuw van zulk een mensonterende straf.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 27 januari. Het stoomschip MINISTER VAN STAAT ROCHUSSEN heeft op de reis van hier naar Batavia in Straat Banka op een rif gestoten en is geheel wrak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 27 januari. De Nederlandse schepen FLEVO kapt. Strootman en SLIEDRECHT, kapt. Willemse, liggen alhier nog onbevracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 17 januari. Heden is een klein gedeelte van de zeer beschadigde lading van het Nederlandse schip 's-GRAVENHAGE, kapt. De Vries, van Passaroeang naar Rotterdam, zwaar lek uit zee terug, op vendutie verkocht. De koffie bracht NLG 30 tot NLG 50 op. Van de tabak kan bij wederverscheping niet veel terecht komen, omdat door vochtigheid zware broeiing en schimmel ontstaat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bodemerij verlangd. Kapt. M. Martens, voerende het Duitse everschip MARTIN, verlangt bodemerij tot een bedrag van NLG.5.000 op genoemd schip, vrachtpenningen en ladingen; de laatste bestaande in ongeveer 60 last planken, ingeladen te Frederikshald en bestemd voor Brake. Het schip ligt te Maassluis, waar de kapitein voor noodhaven heeft moeten binnenlopen en het schip belangrijke reparatie heeft ondergaan.
Offerten worden ingewacht tot en met 8 maart 1876 bij M. Dirkzwager GZ., te Maassluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bodemerij verlangd. Kapt. A.E. Lundberg, voerende het Finse schoenerbrik-schip FURST ELAGE, verlangt bodemerij tot een bedrag van NLG.7.000 op genoemd schip, deszelfs vracht en lading, de laatste bestaande in ongeveer 100 standaard planken, ingeladen te Pitea en bestemd voor Londen. Het schip ligt te Brouwershaven, welke haven de kapitein als noodhaven heeft moeten binnenlopen, en waar het schip belangrijke reparatiën heeft ondergaan.
Offerten worden ingewacht tot en met de 3e maart bij Ruys &Co., Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Amsterdam, op maandag 28 februari, in het lokaal De Witte Zwaan:
- Het Nederlandse brikschip RAPHAËL, gevoerd door kapt. Molenaar, groot 197 tonnen, NLG 7.700. In slag NLG 70. Koper P. Reineke.
- 1/30 aandeel in het barkschip OCEAAN, NLG 1.500. Koper P. Reineke.
- 1/40 dito in het fregatschip MAASSLUIS. NLG 1.000. In slag NLG 50. Opgehouden.
- 1/4 dito in het schoenerschip GODOLEVUS. NLG 40. In slag NLG 80. Koper W. Bakker Bzn.
- 1/64 dito in het schoener-brikschip ELISABETH. NLG 40. ln slag. Koper W. Bakker Bzn.
- 2/32 dito in het ijzeren brikschip WILLEM VAN DER VOORT, NLG 300. In slag NLG 10,-Koper P. Reineke.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Suriname, 4 februari. De schepen HENRIETTE, kapt. K. Wijtsma, en LIDA, kapt. J.W.C. Vinke Mulder, beide bestemd naar Amsterdam, sluiten het eerste eind dezer of begin der volgende maand, het laatste de 20e februari.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Tonningen, 25 februari. Uit de haven zijn gehaald de schepen EENDRAGT, kapt. Albers, en JANTINA CATHARINA, kapt. Van Dijk, beide van Pahlhude naar Hamburg, om met de eerste gunstige wind hun reizen voort te zetten.


01 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkochte schepen. Het Nederlandse barkschip GALILEÏ, groot 742 tonnen, gebouwd in 1857, is door tussenkomst van de makelaar C. Ament voor NLG 24.000 uit de hand verkocht aan de heren E.J. Bok & Zonen. (opm: nieuwe scheepsnaam LINA EN JOHANNA, kapt. Van Wijk).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nantes, 26 februari. Van het op het Colorado rif gestrande Nederlandse barkschip ENTREPRISE II, kapt. Mulder, van New-Orleans naar Havre bestemd, zijn tot 24 januari 750 balen katoen gelost.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 25 februari. Scheepsvrachten. Voor eerste klasse schepen werd gedaan naar de Oostkust van Schotland tot Sh.2/3, de Oostkust van Engeland tot Sh.2-6, Londen Sh.2-9, het Engels Kanaal Sh.3-/, alles per 500 Engelse pond tarwe, andere granen of zaad pro rato. Tweede klasse schepen bedingen tot Sh.12 à 13-/ per ton beenderen naar de Oostkust van Schotland.


  JB - Javabode

Anjer, 29 februari. Alhier waaien harde winden uit het westen. Het onlangs gestrande schip l´AMIRAL DEVOUCX is gisteren uit elkander geslagen.
De stomer AVENIR, kapt. Bachelerie, van Telok Betong, ligt ten anker met gebroken machine.


02 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 januari. Vrachten. De stemming bleef sedert het laatste bericht onveranderd. Schepen genoten bijna geen vraag en er zijn dan ook zeer weinig afdoeningen te vermelden. Naar Nederland werd voor suiker NLG 50 à 52,50 besteed. Naar Amerika werd een schip opgenomen tot GBP 2.7/6, naar New York. Rijst naar Melbourne werd tot GBP 1./- geaccepteerd van Batavia. In kustvrachten gaat niets om. Voor Amoy zou een scheepje van 5.000 picols capaciteit emplooi kunnen vinden. De laatste afdoeningen zijn: naar Nederland de volgende Nederlandse schepen: NOACH I, NLG 52,50 suiker, NLG 50 koffie van Batavia, NLG 65 rijst van Indramayoe naar Rotterdam, stoomschip FRIESLAND NLG 60 à 72,50 tabak, NLG 70 koffie, NLG 120 indigo, NLG 110 huiden, NLG 50 tin, NLG 80 thee naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 29 februari. Voor een geacht ingezetene te dezer plaatse zijn twee kotters in aanbouw die geheel ingericht naar de eisen van de tegenwoordige tijd zullen worden uitgerust om van hier uit op onze kusten ter visvangst te gaan. Ook door anderen is een dergelijke onderneming tot stand gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 24 februari. Door de Yarmouth County Court is aan de visserlieden die de 10e februari het Nederlands schip NEUTRAAL, van Hammerfest naar Venetië, waarvan de gezagvoerder Dietz overboord was gevallen, alhier hadden helpen binnen brengen, de som van honderd pond sterling toegekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 29 februari. Het Nederlands schip JANTINA CATHARINA, kapt. Van Dijk, van Pahlhude met cement naar Hamburg, is bij het vertrek van hier aan de grond geraakt, doch zal vermoedelijk met de vloed weder vlot worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 26 februari. De Nederlandse kof JANTINA, kapt. Van Wijk, welke in november tussen Saeby en Frederikshaven gestrand is en later alhier binnengebracht, is na volbrachte reparatie in ballast naar Krageroe vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 21 februari. De Nederlandse brik JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, alhier van Santos lek en met verstopte pompen binnengelopen, moet de gehele lading lossen en in het dok gaan. Ongeveer een vierde gedeelte van de lading is beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 februari. (Per telegram) De specie en mail van het bij de Noordwachter gezonken stoomschip WILLEM KROONPPRINS DER NEDERLANDEN is geheel geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 februari. De Nederlandse bark ARIA EN BETSY, kapt. E. Sorgdrager, van Java naar Amsterdam, is bij Poelo Mendjangan gestrand. De equipage is gered.
(opm: zie ook JB 020376).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Daar wij een geruime tijd zonder enig bericht zijn gebleven, moeten wij misschien wel tot de treurige zekerheid komen, dat onze geliefde enige zoon Aijold Willems Weemhoff, in de ouderdom van 27 jaren, gezagvoerder van het kofschip de VRIENDSCHAP, vertrokken van Frederikstad en bestemd naar Emden de 14e oktober des vorigen jaars, met de gehele bemanning zijn graf in de golven heeft gevonden. Met ons treuren onze beide dochters en onze aangehuwde zoon over zijn verlies. Diep bedroefd geven wij hiervan kennis aan vrienden en bekenden.
Stedum, de 29e februari 1876, W.A. Weemhoff, A.K. Dijkman.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 maart. Heden arriveerde hier het nieuwgebouwd galjootschip DISQUIET, kapt. G. Rasker, van Groningen, groot 88 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nantes, 26 februari. Van het op het Colorado-rif gestrande Hoogezandster barkschip ENTREPRISE II, kapt. J.B. Mulder, van New Orleans naar Havre bestemd, zijn tot de 24e januari 750 balen katoen gelost.


  JB - Javabode

Batavia, 1 maart. Volgens telegram van Soerabaija is het Nederlandse schip ARIA EN BETSY, kapt. Sorgdrager, op het Herten-eiland, Straat Bali, gestrand en vol water gelopen. De kapitein en de equipage zijn gered. Het wrak wordt op Soerabaija op vendutie verkocht.


03 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 maart. Volgens ontvangen telegram is het Nederlandse schip SLIEDRECHT, kapt. Willemse, bevracht voor een lading hout van Singapore naar Mauritius.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 29 februari. Het kofschip JANTINA CHRISTINA, kapt. Van Dijk, van Pahlhude met cement naar Hamburg bestemd, is hedenochtend op een steenhoofd gedreven doch later door assistentie afgebracht en daar het veel water maakte, in de haven gekomen. Het moet lossen om te repareren.
(opm: volgens de PGC 030376 was de naam JANTINA CATHARINA, kapt. J. van Dijk)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaya, (per tel.) Van Singapore in dato 1 maart. Het op Poelo Manjangar (Hertebeest Eiland) in Straat Bali gestrande Nederlandse schip ARIA EN BETSY, kapt. Sorgdrager, zal geheel wrak worden.

AH 030376
Batavia, 29 januari. Het Nederlands-Indische barkschip ATIATOOL BARI, dat een belangrijke hoeveelheid petroleum aan boord had, geraakte voor Banjermasin in brand.
Het vuur, dat zich aan de petroleum had medegedeeld, was zó hevig, dat er aan de redding van het schip niet te denken viel en men alleen met goed gevolg al het nodige in het werk stelde, om de gebouwen aan de rivier gelegen voor de brand te redden.


04 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 27 februari. De Nederlandse brik JOHANNA MEIJER, kapt. Tholen, van Santos met koffie alhier 2 februari lek en met verstopte pompen aangekomen, heeft de gehele lading gelost; 1.400 balen zijn beschadigd. Het schip gaat in het dok om nieuw te koperen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 4 februari. Het barkschip HOLLAND, van Rio de Janeiro is alhier de 1e februari voor noodhaven binnengelopen. De 17e januari op 36º ZB 72º OL werd het schip door een hevige storm belopen, waardoor het plat op de zijde werd geworpen en men genoodzaakt was de grote- en bezaansmast, alsmede de voorbramsteng, overboord te kappen. Het zal hier repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 27 januari. Het Engelse stoomschip MINISTER VAN STAAT ROCHUSSEN, welk schip van hier bestemd was naar Samarang, geraakte de 15e op een zandbank aan de grond en liep dadelijk vol water. De equipage en passagiers redden zich in de boten. Bij het aan land komen verdronken vijf man der equipage in de branding. De overigen kwamen te Muntok aan, waar zij door de Nederlandse autoriteiten liefderijk verpleegd werden. De gezagvoerder en equipage zijn per Nederland-Indische stoomboot GOUVERNEUR-GENERAAL LOUDON alhier teruggekeerd. (opm: ex-Nederlands-Indisch stoomschip)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 maart. Scheepsvrachten. Bij grote aanvoer van granen was er deze week weinig vraag naar scheepsruimte voor Engeland of Frankrijk. Gedaan werd een enkel schip voor het Kanaal van Bristol tegen Sh.20/-, een direct naar Yarmouth tegen Sh.17/6 en een naar de Franse voorhavens tegen Ffrs. 22, alle met gratificatie.


05 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 3 maart. De lading houtwaren, geborgen uit het alhier gestrande schip GEZINA MENSINGA, van Lulea naar Leuven, zal als onbeheerd op 18 dezer worden verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 4 maart. De zeildag van Zr.Ms. ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, commandant kapt.t.zee Coops, met bestemming naar Oost-Indië is bepaald op 15 maart a.s. Heden is een proeftocht op de rede gedaan, welke uitmuntend heeft voldaan.


  AH - Algemeen Handelsblad

Veendam, 3 maart. Volgens heden ontvangen bericht is het schoenerschip CATHARINA, kapt. Karssies, de 22e januari jl. na een reis van 48 dagen te Vera-Cruz gearriveerd, komende van Cádiz; aan boord was alles wel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Uit de opgaven van de Nederlandse consul te Gothenburg betreffende de scheepvaartbeweging in de havens van zijn ressort gedurende 1875, blijkt het volgende:
Te Gotenburg zijn aangekomen: rechtstreeks uit Nederland, 28 Nederlandse schepen, metende 6.843 ton, waaronder 15 stoomboten (2 in ballast, de overige met lading), te weten: 21 van Amsterdam, 6 van Rotterdam, 1 van Holland; 25 vreemde schepen, metende 6.614 ton, waarvan 11 stoomboten, (2 in ballast, de overige met lading), als: 18 van Rotterdam, 6 van Amsterdam, 1 van Dordrecht; 45 Nederlandse zeilschepen, metende 5.401 ton (1 in ballast, de overige met lading), uit vreemde havens. Van daar zijn vertrokken: 4 Nederlandse schepen, metende 496 ton, naar Nederland (3 met lading en 1 in ballast); 69 Nederlandse schepen, metende 11.748 ton, naar vreemde havens; 24 schepen, metende 7.558 ton; merendeels met hout en ijzer naar Holland.
Malmö. Aangekomen: 3 Nederlandse schepen, metende 348 ton, uit Nederland, als 1 resp. uit Amsterdam, Rotterdam en Leeuwarden, alle met lading. 16 Nederlandse schepen, metende 1.712 ton, uit vreemde havens (13 met lading, 3 in ballast). En vertrokken: 1 Nederlands schip, metende 296 ton, naar Amsterdam (met lading). 19 Nederlandse schepen, metende 1.893 ton, naar vreemde havens (waarvan 14 met lading).
IJstad. Aangekomen: 5 Nederlandse schepen, metende 597 ton, uit vreemde havens en vertrokken dezelfde naar vreemde havens (4 met lading, 1 in ballast).
Helsingborg. Aangekomen: 4 Nederlandse schepen, metende 509 ton, uit vreemde havens (2 geladen en 2 in ballast) en vertrokken dezelfde naar vreemde havens (3 met haver en 1 in ballast.).
Udevalla. Aangekomen: 1 Nederl. schip, metende 135 ton, in ballast uit een vreemde haven, hetwelk met lading vertrok naar een vreemde haven.
Landskrona. Aangekomen: 4 Nederlandse schepen, metende 403 ton (3 met lading, 1 in ballast), uit vreemde havens, waarvan er 2 in ballast vertrokken naar vreemde havens. Halmstad. Aangekomen: 3 Nederlandse schepen, metende 329 ton (in ballast), uit Kopenhagen; vertrokken dezelfde met lading naar Engeland.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Boelen, A. Roland Holst, E.C.A. Koli en P.J.A. van der Aa, makelaars, zullen op maandag 27 maart 1876, des namiddags te 3 uur, in het lokaal De Brakke Grond in de Nes, te Amsterdam, ten overstaan van een bevoegd beambte, veilen het Nederlands gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd A.M.E., laatst gevoerd door kapt. H.P. Kluit. Volgens Nederlandse meetbrief lang 48,52 meter, wijd 7,83 meter, hol 5,04 meter, alzo gemeten op 851 tonnen of 449 lasten. Breder bij biljetten omschreven. Het schip ligt in het Oosterdok.
Nadere inlichtingen verkrijgbaar bij bovengenoemde makelaars en de cargadoors Meijer & Co., Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Boelen, A. Roland Holst, E.C.A. Koli en P.J.A. van der Aa, makelaars, zullen op maandag 27 maart 1876, des namiddags te 3 uur, in het lokaal De Brakke Grond in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van een bevoegd beambte, veilen het kopervaste barkschip, varende onder Engelse vlag, genaamd JAMES MUIR, volgens Nederlandse meetbrief lang 38 meter, wijd 6,60 meter, hol 4,38 meter, alzo gemeten op 488 tonnen. Breder bij biljetten omschreven. Het schip ligt aan de werf De Vrede, Hoogte van de Kadijk. Nadere inlichtingen verkrijgbaar bij bovengenoemde makelaars en de cargadoors Meijer & Co., Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het Engelse barkschip MATHILDA HILYARD, gebouwd te St. John N.B. in 1868, gemeten op 588 register tons, geclassificeerd bij Veritas 3/3 G 1.1 tot november 1879, thans liggende alhier aan het Petroleummagazijn.
Nadere informatiën te bekomen bij de cargadoor Thos. Breuker, Gelderse Kade, alhier.


07 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 maart. Het schip BURGEMEESTER VAN MIDDELBURG is met gebroken spil en met verlies van ankers alhier in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 maart. Kapt. Ouwehand, voerende het Nederlandse schip JAN PIETERSZOON KOEN, van Batavia in Texel binnen, schrijft uit het Nieuwediep, dat hij gedurende de reis veel zwaar weer heeft gehad en vreesde voor beschadigdheid aan de lading.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 31 januari. Alhier zijn bevracht de Nederlandse schepen JANTINA, kapt. Vos en PRINSES AMELIE, kapt. Jaski, het eerste om op de Uruguay en het laatste om te Tuyu voor Falmouth om orders te gaan laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, C.S. Oolgaardt, J.F.L. Meyjes en A. Vinke, makelaars zullen, als lasthebbende van hun principalen , op maandag de 27e maart 1876, des namiddags te 3 uur precies, in het lokaal De Brakke Grond in de Nes, ten overstaan van de notaris A.D.J.T. Meyjes, presenteren te verkopen een extra ordinair, wel bezeild, gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd EENSGEZINDHEID, gevoerd door kapt. S.J. Seinstra. Volgens Nederlandse meetbrief lang 33 ellen, wijd 5 ellen 88 duimen, hol 5 ellen en alzo gemeten op 431 tonnen of 228 lasten. En dat verder met al deszelfs rondhouten, opstaand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld. Het schip is ingericht voor de houtvaart; in juli 1875 nieuw gekoperd en gerepareerd en is geclassificeerd bij Veritas 5/6 2 – 1, voor 4 jaar.
Het voornoemde barkschip ligt te Rotterdam aan de werf van de heren Gebr. Visser.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een goed onderhouden hektjalk, groot 45 ton met complete inventaris. Adres onder letter O, bij de boekhandelaar J.M.W. Waanders te Zwolle.


08 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, E.C.A. Koli en W. de Lorme van Rossem, makelaars, zullen op maandag 27 maart e.k., des namiddags te 3 uur, in De Brakke Grond in de Nes, ten overstaan van de notaris Mr. W.J.J. Waterschoot van de Gracht, presenteren te verkopen
het extra ordinair wel bezeild, kopervast en gekoperd Nederlands brikschip ACCRA, laatst gevoerd door kapt. N. Spaanderman; lang 31,50, wijd 4,98, hol 3,31 meter en alzo gemeten op 231 tonnen. En zulks met al deszelfs rondhouten, opstaand- en lopend want en verder aan boord zich bevindende inventaris, als bij aanplakbiljetten omschreven.
Nadere informatiën verlenen voornoemde makelaars, zomede de cargadoors Oolgaardt & Bruinier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. de Lorme van Rossem, makelaar, zal op maandag de 20e maart 1876, des namiddags ten 3 ure in de Brakke Grond in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van de notaris D. van Dijk, aan de meestbiedende of hoogstmijnende presenteren te verkopen het hek-tjalkschip genaamd DE VROUW MAGRIETHA, gevoerd door schipper H.M. Hagenouw, lang 13,05, wijd 3,63, hol 1,92 meter en alzo geijkt op 90 ton; benevens rondhouten, opstaand en lopend want enz., breder bij biljetten is omschreven.
Het schip, liggende in de Brouwersgracht bij de Baangracht is inmiddels uit de hand te koop.
(opm: een binnenvaartschip).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 maart. Het schip ADA, kapt. Cherpion, zou volgens brief van de kapitein de 31e december l.l. van Patjitan naar Nederland vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nassau, 18 februari. Het brikschip BERNARD, kapt. Cramer (opm: mogelijk buitenlander), van Jeremie naar Falmouth met 3.600 zakken koffie, strandde de 22e januari op Hogsty Reef. De equipage landde op een klein eiland, van waar zij na twaalf dagen afgehaald werden. Ongeveer 300 zakken koffie zijn geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 7 maart. Naar scheepsruimte voor Engeland of Frankrijk was heden weinig vraag. Een enkel schip werd gecharterd voor kolenhavens aan de Oostkust tegen Sh.12/- voor haver of Sh.16/- voor tarwe, met gratificatie.


09 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. In de vergadering van de directie van de Stoomvaart-Maatschappij Zeeland, die jl. zondag ten paleize van Z.K.H. Prins Hendrik is gehouden, moet o.a. besloten zijn, de dienst tussen Vlissingen en Queenborough de 15e mei te hervatten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, de 6e maart 1876 voor de te Rotterdam residerende notaris Hendruk Schot verleden, is tussen de ondergetekende Willem Frederik van der Schuijt, particulier, te Amsterdam en Adrianus van der Schuijt, fabrikant, te Rotterdam, aangegaan een vennnoot-schap, ten doel hebbende het fabriceren van stoom- en andere werktuigen onder de firma van Gebroeders van der Schuijt, welke zal gevestigd zijn te Rotterdam, en tot de tekening waarvan beide vennoten gerechtigd zijn, doch alleen voor zaken en handelingen het doel en de werkkring van de Vennootschap betreffende.
De vennootschap is aangegaan voor de tijd van 5 achtereenvolgende jaren, aangevangen de 1e maart 1876 en alzo zullende eindigen de 28e februari 1881, met dien verstande dat, indien één der vennoten de vennootschap bij het verstrijken van dien termijn wenst te doen eindigen, hij gehouden zal zijn daarvan minstens 6 maanden bevorens aan de andere vennoot schriftelijk opzegging te doen.
Geschiedende hiervan bekendmaking ingevolge artikel 28 van het Wetboek van Koophandel. W.F. van der Schuijt, A. van der Schuijt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de zaal aan de Scheepmakershaven, No. 29 te Rotterdam, op dinsdag 7 maart 1876:
- Het stoomschip ADMIRAAL VERHUELL. Voor NLG 12.000 opgehouden.
- De Nederlandse ijzeren schroefstoomschepen ELISE en JEANNETTE. Gecombineerd verkocht voor NLG 42.000.


10 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden, de 22e februari 1876, heb ik, Johannes Ignatius Adrianus Raijers, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, ten verzoeke van Maria Christina Werkhoven, wonende te Bovenkarspel, ten derde male gedagvaard Johannes Petrus Zurcher, echtgenoot van de requirante, laatst zeevarende, gewoond hebbende te Rotterdam, om op maandag de 12e juni 1876 te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, ten einde:
- aangezien gedaagde, met wie eiseresse de 13e november 1861 te Rotterdam is gehuwd, de 28e april 1865 aldaar als tweede stuurman is aangemonsterd op het Nederlands schip JOHANNA MARIA, kapt. Kleijnenberg, voor een reis naar Singapore en Batavia.
- aangezien het laatste bericht van de gedaagde is ingekomen de 8e augustus1867, de dag, waarop de terugreis ondernomen werd.
- aangezien sedert die dag nooit meer iets van dat schip noch van de opvarenden, waartoe de gedaagde behoorde, is vernomen, zodat het er voor moet gehouden worden, dat de bodem is vergaan en de bemanning daarbij omgekomen.
- aangezien eiseresse, verlangende een ander huwelijk aan te gaan, nodig heeft een verklaring van des gedaagden overlijden sedert de 8e augustus 1867.
Mitsdien voor gemelde rechtbank op te komen ten einde van zijn aanwezen te doen blijken.
Raijers, deurwaarder. (opm: bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 7 maart. Het casco en de tuigage van het Nederlandse schip SUSANNA, kapt. Huges, van Hartlepool naar Harlingen, alhier gestrand, zullen publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tramore, 8 maart. Het schip AURORA AUSTRALIS, kapt. Meijer, van Java naar Queenstown, is in Tramore-baai gestrand. De equipage is gered, doch het schip geheel wrak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boldera, 2 maart. De volgende Nederlandse schepen overwinteren hier: HECLA, kapt. Bakker; VAN DER PALM, kapt. Jansonius; AMICITIA, kapt. Haverbult; HENRIETTE, kapt. De Jonge; JOURE, kapt. Borger Geerts; ELIZABETH, kapt. Visscher; JOHANNES, kapt. Rottinghuis; JOHANNA, kapt. Kuipers; ELIZABETH KLOOSTERBOER, kapt. Mulder; HARMANNA DIJK, kapt. Wortel; HERCULES, kapt. Wink; VOORWAARTS, kapt. Oldenburger; MAGDALENA JOHANNA, kapt. Sijpkens; BELLE, kapt. Eefting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 29 januari. De Nederlandse schepen MARTHA en JANTJE zijn bevracht om alhier te laden voor Falmouth om orders.


  AH - Algemeen Handelsblad

Port Elizabeth, 10 februari. Het Nederlandse schip MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, kapt. Osterrath, van Batavia naar Rotterdam, lek alhier binnen, heeft de dekken gedubbeld, de verdere reparatie geëindigd en zal over een paar dagen de reis voort zetten. Een gedeelte van de geloste lading is herscheept. Op 31 januari is de laatste beschadigde lading verkocht. De 4e dezer heeft het schip bij een hevige deining in de baai anker en ketting verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 2 maart. Scheepsvrachten. In bevrachtingen heerst een volslagen stilstand; voor de meeste ladingen zijn schepen genomen. Men verwacht bij aankomst der eerste voorjaarsvloot meer levendigheid. Laatstelijk werden de volgende vrachten gesloten: naar Londen Sh.14/-, 14/3 en 14/6, Yarmouth en Lynn Sh.14/-, Hull Sh.13/-, West-Hartlepool en Granton Sh.10/9, Clayhole Sh.14/6. Southampton, Plymouth en Belfast Sh.15/1. Liverpool Sh.14/, Carmarthen Sh17/6, alles per load grenen balken; Newcastle en Grangemouth Sh.33/-, Poole Sh.48/- per standaard planken; Antwerpen NLG 13½, Bremen 24 mark, Stettin 15 mark per last van 80 kubieke voet Engelse maat delen.


  JB - Javabode

Wij hebben het verslag ontvangen van het Bataviaasch Prauwenveer over 1875. Uit dat verslag blijkt dat over het afgelopen jaar een dividend kan worden uitgekeerd van 20 %, en de zaken van het veer gunstig staan.
In de algemene vergadering van deelhebbers van 10 februari werd de heer L.E. Löwenstam tot commissaris gekozen, in de plaats van de heer S.B. Zeverijn.
In de maand mei had het Veer het verlies te betreuren van de heer A. Palairet Hooglandt, die na een kortstondige ziekte overleed. In zijn plaats werd in juni tot commissaris gekozen de heer J.J. van Santen, hoofdagent van de Nederlandsch-Indische Handelsbank.
De heer Schröder Visser, de plaats verlatende, trad af als commissaris en werd vervangen door de heer C.P. Lohr, lid van de Faktorij der Nederlandsche Handelmaatschappij.
Tengevolge dier verschillende mutaties is de Raad van Commissarissen thans samengesteld uit de heren W.T. Fraser, L.E. Löwenstam, J.J. van Santen en C.P. Lohr.
In de Directie en het verder Europees personeel kwam geen verandering. Daarentegen is de sterfte groot geweest onder het inlands personeel van mandoers, djoeragans en opvarenden der prauwen; het hoofd van het inlands personeel, 2 hoofd- en 2 ondermandoers werden weggerukt, alsmede 3 djoeragans.
De prauwenmacht van het veer bestaat uit 103 prauwen, metende tezamen 1.208 koyangs. Het aantal prauwen voor de dienst op de Tjitarum-rivier is 71, metende totaal 633 koyangs.
De stomers TJILIWONG en TJITARUM hebben in het droge dok aan de Moeara Baroe het jaarlijks onderhoud ondergaan; de TJITARUM heeft een zeer belangrijke reparatie gehad. Het vlak onder de machinekamer is geheel vernieuwd, alsmede de fundatiebalken der machine, het potdeksel en andere houtwerken zijn vervangen. Wel heeft deze herstelling veel gekost, doch het vaartuig is hierdoor weder voor lange tijd in dienstbare staat gebracht.
Beide stomers, vooal de TJILIWONG, hebben belangrijke diensten gepresteerd, in het vervoeren van passagiers naar en van de rede, de transporten van militairen hebben dit jaar een hoogte bereikt zoals nimmer te voren.
Door de langdurige droogte in de grootste helft van de Oostmoesson was de waterstand in de Tjitarum rivier zo laag, dat alle afvoer geheel belet werd. Gelukkig was de te vervoeren koffie en thee zeer weinig, zodat het veer niettegenstaande deze belemmering, met het einde des jaars alles had overgevoerd. Door diefstal op de rivier en aan de monding zijn er enige tekortkomsten geweest die het veer heeft moeten vergoeden. Het resultaat is dan ook geweest, dat slechts een gering winstcijfer op dit hoofd is verkregen.
In de maand mei jl. werd een uitbesteding gehouden voor het vervoer naar en van de rede van Gouvernmentsgoederen, personen enz. Een scherpe concurrentie voorziende, schreef het veer in voor een laag bedrag en had de voldoening, als laagste inschrijver gedurende de eerstvolgende vijf jaren dat contract te verkrijgen. De voornaamste reden, die dwong tot laag inschrijven was, dat ook het vervoer van militairen in het contract begrepen was, en dat, kwam het contract in andere handen, de kosten van de TJILIWONG niet zouden gedekt worden. Al is het dus, dat het prauwenverhuur weinig winst afwerpt, zo wordt dat vergoed door de meerdere verdiensten van de TJILIWONG.
Dit jaar zal in opvolging van art. 5 der Statuten in een algemene vergadering, te houden in het 2de halfjaar van 1876, moeten worden beslist over het al of niet verlengen van deze Maatschappij.
Grote veranderingen in het verkeer zijn op handen, zowel door het bouwen van de haven te Tandjong Priok, als door het maken van een spoorweg naar Bandoeng. Het komt de commissarissen van het Veer echter voor dat die invloed, zich eerst later zullende doen gevoelen, het wel niet twijfelachtig zijn zal met het oog op verkregen resultaten gedurende het bestaan van het Veer, of de maatschappij zal wel voor enige tijd verlengd worden. Om die reden hebben zij vermeend in het belang van het Veer te handelen door zich niet te laten weerhouden het te binden voor langer tijd dan 1878, het einde van de oorspronkelijk bepaalde duur der Maatschappij.
De vooruitzichten voor het lopende jaar worden door commissarissen bemoedigend genoemd, daar het contract met het Gouvernement meestal zal aanvullen hetgeen niet aan de handel verstrekt wordt, waardoor het te voorzien, is dat het cijfer der prauwhuren aanzienlijk zal rijzen.
Daar de koffieoogst zeer groot geschat wordt, mag ook voor het transport op de Tjitarum op een meer bevredigend cijfer worden gehoopt dat dit jaar het veer is toegevallen.


11 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij besluit van 13 december 1875, opgenomen in de Staatscourant van de 9e, heeft Z.M., beschikkende op het verzoekschrift van Frédéric Jean Plate en vier anderen, allen wonende te Rotterdam, HD. bewilliging verleend op de akte van oprichting van de naamloze vennootschap: Algemeene Scheepshelling-societeit te Rotterdam, te vestigen in Rotterdam. Het doel van de vennootschap is het maken en onderhouden van een kiel of sleephelling en een dwarshelling, teneinde die hellingen te verhuren tot het herstellen, koperen, en zo voorts, van schepen, boten of andere vaartuigen. Het kapitaal van de vennootschap is groot 100.000 NLG, verdeeld in 200 aandelen, ieder groot NLG.500. Tot bestuurders zijn benoemd de heren Frédéric Jean Plate, Dirk Visser, Hendrik Veder, Joseph Willem Anthony en Daniel Theodorus Ruys.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mandal, 5 maart. Het Nederlandse kofschip MEIKA JACOBA, kapt. Wielema, van Landscrona met rogge naar de Maas, is alhier zwaar lek binnengelopen. Pompers zijn aangenomen ter assistentie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 maart. Een door de Stoomvaart-Maatschappij Java ontvangen telegram meldt, dat het stoomschip BORNEO, kapt. Bakker, 9 maart van Soerabaija naar Saigon vertrokken, te Batavia zal aanlopen om het Nederlandse schip 'S-GRAVENHAGE, kapt. De Vries, van Passaroeang naar Rotterdam, 5 januari te Batavia met averij binnengelopen, van daar naar Singapore te slepen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. De veiling van het hektjalkschip VROUW MAGRIETHA, aangekondigd tegen 20 maart in De Brakke Grond, zal niet doorgaan.
Amsterdam, 8 maart 1876, W. de Lorme van Rossem, makelaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 maart. Het Nederlandse stoomschip NOORDKAPER lag de 19e januari j.l. te Congo (opm: de vroegere walvisvaarder).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 maart. Scheepsvrachten. Sedert dinsdag ll. kwamen er enige bevrachtingen tot stand. Gesloten werd voor Londen of de Oostkust tegen 16 sh. per 10 qrs. haver en 20 sh. per 10 qrs. tarwe, terwijl voor de kolenhavens aan de Oostkust gedaan werd tegen 16 sh. per 10 qrs. tarwe. Steenkolen van Newcastle a/T. op hier GBP 8,- 10 sh. per keel.


12 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 maart. Het schip CAROLINE, van Sherbro met palmolie en pitten naar het Kanaal, is volgens ontvangen telegram vermoedelijk in de Golf van Biscaye verongelukt.


13 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Aangaande het Nederlandse schip MARIA ANNA, kapt. R.K. Zeven, de 21e september (opm: 1875) van Drammen naar Emden vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 11 maart. Het schip WILLEM VAN DER VOORT, kapt. Jaski, van Suriname alhier aangekomen, heeft zware stormen doorgestaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 10 maart. Volgens telegrafisch bericht is de schoener THETIS, kapt. O.H. Duit, te huis behorende te Ommelanderwijk, de 6e dezer van Dantzig naar Newcastle vertrokken, te Dambeck (opm: mogelijk de plaats waarvandaan het bericht is verzonden [Ludwigslust-Parchim, West Pruisen], en niet de strandingsplaats) gestrand. De bemanning is gered.


14 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 februari. Vrachten. In de stand der markt is geen verandering gekomen. De vraag naar scheepsruimte blijft zeer beperkt en zijn de koersen flauw. Slechte één afdoening van een Nederlands schip kwam tot stand: NOACH I, naar Rotterdam NLG 52,50 suiker, NLG 50,- koffie, NLG 65 rijst, te Batavia en Indramayoe te laden.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, TELANAK, PHILIPS VAN MARNIX, NEREUS, PROFESSOR SIMON THOMAS en ANNA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 maart. De KÖNIG WILHELM is vlot. Een sleepboot vertrekt derwaarts om het schip binnen te slepen.
Volgens later bericht is de poging om de KÖNIG WILHELM in zee te brengen, mislukt, doordien de trossen van de sleepboot braken. Morgen zal het op nieuw beproefd worden. (opm: nadere informatie over deze stranding in Kroniek 1875)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 11 maart. De romp van het gestrande schip SUSANNA, kapt. Huges, van Hartlepool naar Harlingen, heeft NLG 100 en de lading steenkolen circa NLG 900 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 13 maart. Gisteren zijn verscheidene schepen van hun ankers geslagen. Tot nog toe zijn geen namen bekend, uitgezonderd die van het Amerikaanse fregat WILLIAM WILSON, kapt. Dunbar, welk schip, na twee ankers te hebben verloren, op de Kaloot gestrand is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 13 maart. Gisteren zijn op de Kaloot gestrand de schepen HIRONDELLE, kapt. Casse; JEUNE SAINT PIERRE, kapt. Messagez; DOUZE APÔTRES, kapt. Layec; MARIE, kapt. Lindeblad en CATHARINE, kapt. Robertsen.


15 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 maart. Volgens particulier bericht is het barkschip MAARTEN VAN ROSSEM, kapt. Huizer, na de 24e februari van Plymouth vertrokken te zijn, weder teruggestormd en heden te Castletown in Ierland binnengekomen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 11 maart. Het stoomschip KÖNIG WILHELM zit op de derde bank aan de grond. Het volk is met de reddingsboot afgehaald. Er is veel water in het schip. De vuren van de ketels zijn uit.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 14 maart, Het barkschip LAURDAL, nabij de Slufter gestrand, is geheel uit elkaar geslagen. De equipage bestaande uit 14 personen, is met veel moeite door de reddingboot van Eierland gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 maart. Gisteren is op de Slufterbollen gestrand het Noorse barkschip LAURDAL, kapt. Gramnaes, van Drammen met ijs naar Limmerick bestemd. De grote- en fokkemasten zijn overboord. Vier sloepen zijn aan land gespoeld; op één daarvan de naam LAURDAL. Het schip kan als verloren beschouwd worden. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Elizabeth, 12 februari. Het alhier lek binnengelopen schip MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE, kapt. Osterrath, van Java naar Rotterdam bestemd, heeft na volbrachte reparatie de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 13 maart. Het tjalkschip MORGENSTER, schipper Kuilman, is gisternacht in de Vliesloot verongelukt. De schipper, diens vrouw, 2 kinderen en de loods zijn daarbij omgekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het stoomschip KÖNIG WILHELM I, op reis van New York naar Bremen, 26 november 1873 bij Huisduinen gestrand, is, volgens later bericht uit Nieuwediep tot aan de buitenbank genaderd. Door het breken van de trossen van de sleepboot is de poging mislukt om het in zee te brengen. De sleepboot STAD AMSTERDAM is derwaarts vertrokken om te trachten het met de opkomende vloed vlot te krijgen.
Volgens heden ontvangen telegram is de KÖNIG WILHELM I niet afgebracht kunnen worden en zat zelfs zeer gevaarlijk.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 14 maart. De vraag naar scheepsruimte was heden over het geheel zeer gering. Een tweetal schepen werden gecharterd tegen Sh.11/- voor de kolenhavens aan de Oostkust of Sh.15/- voor Londen of de Oostkust, of Sh. 18/- voor het Engels Kanaal, per 10 quarters haver. Andere granen naar verhouding.


16 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 maart. Het stoomschip KÖNIG WILHELM is wrak; het strand is vol wrakhout. Het schip zinkt weg. De stoompijp en mast zijn nog zichtbaar.


  JB - Javabode

Batavia, 16 maart. Het hier ter rede liggende Franse stoomschip AVENIR, kapt. Bachelerie, is te koop.
(opm: volgens de JB van 30 maart nog steeds liggende ter rede van Batavia en te koop).


17 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 februari. Vrachten. Er is weer geen verbetering in de markt te berichten; het meeste product is afgescheept, en werd het aantal zoekende schepen gedurende de laatste 14 dagen belangrijk groter. Naar Nederland werd NLG 50 voor suiker betaald, en besteedde men naar het Kanaal GBP 2.10/-. Naar Australië had een transactie plaats tot GBP 1.5/- voor suiker naar Melbourne. De laatste afdoeningen zijn: naar Nederland de volgende Nederlandse schepen, stoomschip KONING DER NEDERLANDEN NLG 50 voor particulier tin, NLG 75 voor koffie, NLG 80 voor thee, NLG 90 à 100 specerijen, NLG 80 voor tabak, naar Nieuwediep, ANNA ligt aan à NLG 50 voor suiker, van Samarang naar Rotterdam. In lading hier en op de kust, Nederlands, stoomschepen HOLLAND en PRINS VAN ORANJE, Engels, stoomschip TORRINGTON. Onbevrachte schepen op Java de volgende Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, TELANAK, PHILIPS VAN MARNIX, NEREUS, PROFESSOR SIMON THOMAS, ALBLASSERDAM, CORNELIS WERNARD EDUARD, URANIA en MAASSLUIS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 maart. Veertien man van de equipage van het Nederlands-Indische stoomschip PATOEAH, van Greenock naar Batavia, te Waterford voor tegenwind binnengelopen, hebben geweigerd de reis voort te zetten, onder voorwendsel dat het schip te klein was en niet geschikt om in dit jaargetijde de reis te doen. Zij gaven voor dat toen zij te Rotterdam gemonsterd werden, de grootte van het schip als 500 ton werd opgegeven, terwijl het volgens hun beweren niet groter is dan 150 ton. De gezagvoerder heeft hen vrijheid gegeven het schip te verlaten, hetgeen zij niet wilden doen voordat hen GBP 5 werd uitbetaald, hetwelk de gezagvoerder weigerde te doen. Van de Magistraat van Waterford hebben zij bevel ontvangen het schip binnen twee uren te verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 maart. Het stoomschip KÖNIG WILHELM is doorgebroken, het achterschip ingeslagen en alles van dek weggespoeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 13 maart. Door de hevige storm van gisteren zijn de schepen ZES GEBROEDERS en VIER GEBROEDERS, de eerste met steen en de laatste met gerst geladen, ter rede gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 maart. Verkochte schepen. Het Nederlandse barkschip MARIA SARAH, groot 637 ton, is aan een Oostzees huis uit de hand verkocht door tussenkomst van de makelaar Ed. C.A. Koli.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Volgens bericht van de gezagvoerder, bij de rederij ontvangen, is het schip MAARTEN VAN ROSSEM niet te Castletown in Ierland binnengelopen, maar ter rede van Portland, in de nabijheid van Castletown, graafschap Dorset. Kapt. Huizer schrijft, dat de rede aldaar vol schepen en stoomboten ligt, die aldaar de wijk genomen hebben, en dat hij, na de 25e februari van Plymouth vertrokken te zijn, niets dan aanhoudend stormweder ondervonden had, met hoge zeeën. De equipage was gezond en tevreden, en het schip had zich zeer goed gehouden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 16 maart. Ter opheldering van hetgeen gisteren in ons beursbericht is vermeld, kunnen wij mededelen, dat er tussen de besturen van de stoomvaartmaatschappijen
Nederland en Java onderhandelingen gaande zijn, over een overeenkomst, waardoor de Maatschappij Nederland de beschikking zou verkrijgen over de schepen van de Java, ten einde de stoomvaart op Nederlands-Indië met de aldus verenigde vloot op zodanige wijze te drijven, dat aan de behoeften voor de handel beter kan worden voldaan. De onderhandelingen zijn echter nog niet zover gevorderd, dat reeds een ontwerp- overeenkomst aan de beslissing van de wederzijdse aandeelhouders kan worden aangeboden.


18 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 14 maart. Het stoomschip ARY SCHEFFER, van Rotterdam, geraakte bij het binnenkomen alhier in aanvaring met de schoener GERDA, waardoor laatstgenoemde de buitenkluiverboom verloor.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 17 maart. volgens rapport van de gezagvoerder van de sleepboot ZIERIKZEE is van de stoomboot GRONINGEN de grote en de bezaansmast weg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 17 maart. Het schip ANNA EN SOPHIA, kapt. Hoekstra, gisteren van Java hier aangekomen, heeft zwaar stormweder gehad.


19 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gepasseerde maandag, 13 maart, heeft het bij de heren Caird en Co. te Greenock nieuw-gebouwd stoomschip OPHIR een proeftocht op de Clyde gemaakt en daarbij een gemiddelde vaart van 10 knopen per uur gemaakt. De afmetingen van bovengenoemd vaartuig zijn als volgt: lengte 150 voet, breedte 25 v. 3 d., diepte 10 v. 3 d, en is groot 458 ton. De machine heeft een vermogen van 80 pk. Het schip is als schoener getuigd en is bestemd voor de kustvaart van Java en Sumatra, voor rekening van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Suriname, 18 februari. De Nederlandse schepen LIDA, kapt. Vinke Muller, en HENRIETTE, kapt. Wijtsma, beide bestemd naar Amsterdam, sluiten, het eerste ultimo februari, het laatste 10 maart.
(opm: sluiten het aannemen van vracht)


20 maart 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wildervank, 16 maart. Hedenmiddag is hier met goed gevolg van de werf van de scheepsbouwmeester B. van der Werf te water gelaten een tjalkschip, groot pl.m. 120 ton, zullende bevaren worden door S.K. Scholten.


21 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Heden is aan de werf van de heren Walker, Stronck & Van Delden, machinefabrikanten, Linker Maasoever, alhier, de kiel gelegd voor een schroefsleepboot, voor rekening van de heer M. Bos Czn. alhier. De machines voor genoemde boot worden door dezelfde firma vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Blijkens een bij het Departement van Marine ontvangen telegram is Zr. Ms. ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN, onder bevel van de kapitein ter zee A.N.L. Koops, de 19e dezer van de rede van Texel vertrokken ter opvolging van zijn bestemming naar Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Het Nederlandse schip VERTROUWEN, kapt. Ludeling, van Granton met steenkolen naar Bordeaux, is in ontredderde en zinkende staat door het volk verlaten, dat gered en te Lowestoft is aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 15 februari. Alhier zijn bevracht de Nederlandse schepen CORNELIA, kapt. Zeven en ELISABETH, kapt. Meedendorp, het eerste om te Gualeguay en het laatste om te Mercedes voor Falmouth om order, te laden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. W. Bakker Bzn., makelaar, presenteert op maandag 3 april 1876, des namiddags te 3 uur, in het lokaal De Witte Zwaan, op de Nieuwendijk te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het buitengewoon snel zeilend gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CONSTANCE, gevoerd door kapt. M. Kimmerer.
Volgens Nederlandse meetbrief lang 44,06 meter, wijd 6,73 meter, hol 5,56 meter en alzo gemeten op 381 lasten of 722 tonnen. En dat verder met al zijn rondhouten, opstaand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld. Het voornoemd barkschip ligt aan de werf De Boot van de heer F.F. Groen, Groote Wittenburgerstraat.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaar.


22 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Volgens bij de rederij ontvangen bericht heeft het Nederlandse schip MAARTEN VAN ROSSEM, kapt. Huizer, na de 11e dezer ter rede van Portland ten anker gekomen te zijn, van daar de reis naar Java vervolgd. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Het te Nieuwe Pekela te huis behorende schip CATHARINA RICARDI, d.d. 5 november 1875 van Groningen naar Goole vertrokken, is vergaan. De gezagvoerder Jan R. Koekoek, man en vader, heeft met al de opvarenden zijn graf in de golven gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 19 maart. Heden is alhier aangebracht door de vissersmak EXCELSIOR, kapt. Thompson, de equipage van het kofschip CHRISTINA MARTHA, kapt. Spanjer, van Rochester met cement naar Velzen bestemd, welk schip in de Noordzee is gezonken. Twee man van de EXCELSIOR zijn bij het zinken van de CHRISTINA MARTHA omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 19 maart. De Duitse kof HARMINA, kapt. Straatman, en de Nederlandse schoener CARDENAS PACKET, kapt. Ouwehand, zijn op de rede alhier met elkander in aanvaring geweest, waardoor de HARMINA schade leed aan verschansing en stutten. De CARDENAS PACKET bleef onbeschadigd. Beide schepen zijn in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 19 maart. De Nederlandse kof POULINA, kapt.J.H. Koning, van Newcastle naar Groningen bestemd, is alhier met verlies van boot en verschansingen binnen en in de haven gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op de 18e januari jl. is aan boord van het Nederlands-Indische barkschip PETER LANDBERG, op de reis van Cardiff naar Padang, op 30º ZB 87º OL, voorspoedig bevallen van een dochter A.C.F. Popken, geliefde echtgenote van A. Huizer, gezagvoerder.
Padang, 6 februari 1876. Volstrekt enige kennisgeving.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 21 maart. Vraag naar scheepsruimte voor Engeland of Frankrijk deed zich heden in het geheel niet voor.


23 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Kapt. C. Thorsen, voerende het stoomschip CHRISTIANIA, van Christiania voor deze stad gearriveerd rapporteert:
Den 20e dezer des morgens om 10 uur, ontdekten wij op 30' W.N.W. van Texel, een schip, drijvende zonder zeilen, en bevonden het de Engelse schoener BEULAH, te huis behorende te Hartlepool en door het volk verlaten. De stuurboords ankerketting hing buiten boord en het bakboordsanker voor de boeg. Uitgezonderd het voorstagzeil, ontbraken alle zeilen, benevens al het lopend touwwerk. Toen wij het verlieten, kwam er een Nederlandse visserman, die het vermoedelijk naar Nieuwediep zal gesleept hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het nieuwgebouwd stoomschip OPHIR (opm: van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij), kapt. Stellingwerf, is de 21e maart van Greenock naar Batavia vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis 22 maart. Het door de equipage verlaten Engelse schoenerschip BEULAH is hier binnengebracht door het Vlaardingens loggerschip PRINS VAN ORANJE, schipper Groeneveld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Vincent, 7 maart. Het schip ANTJE, kapt. Julius, van Akyab naar het Kanaal, alhier lek binnengelopen, heeft de halve lading gelost, waarna het lek is ontdekt en van binnen dicht gemaakt. De geloste lading wordt nu weder ingenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Betreffende het vergaan van een tjalkschip bij Vlieland, schrijft men van daar het volgende:
In de vreselijke storm van ll. zondag (opm: 12 maart), strandde voor de sloot van Vlieland de tjalk MORGENSTER, gevoerd door schipper W. Kuilman, van Dordrecht, met steen naar hier bestemd, met het aller noodlottigst gevolg dat de schipper, diens vrouw en twee kinderen en de Vlielandse loods hun graf vonden in de golven; alleen de knecht werd de volgende morgen gered; hij had zich tien uren lang vastgeklemd gehouden in het want.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Het nieuwgebouwde stoomschip DRENTHE is heden van Shields alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notaris Van Kruijne te Brielle zal op woensdag 29 maart 1876, des voormiddags ten elf ure, in het Koffiehuis van C.J. Verwoerd aldaar, om contant geld verkopen verschillende goederen, geborgen uit het gestrande stoomschip GRONINGEN, als:
Verschillende compositie- of christoffel-lepels, vorken, 2 azijnstellen, soepterrine, koffiekan, trekpot, suikerpot, melkkannen, borden, schalen en glaswerk, tafellakens, dekens, matrassen, gordijnen, spiegel, klok, pianino uit de fabriek van Pleijel, 4 koperen ketels, een partij gutta percha, enige hammen, worsten, vlees, ingemaakt goed, verschillende koperen pijpen, koperen pomp, enz. Voorts 2 metalen kanonnen op affuiten en 6 geweren, 1 reddingboot, 1 reddingboei, 12 riemen, mast, zeil, 2 kompassen en meer andere goederen.
Te bezichtigen daags te voren van 2 – 4 en op de dag van de verkoping van 10 – 11 uur.
Inlichtingen te bekomen ten kantore van de heer G.F. Lette, burgemeester-strandvonder te Brielle en van voornoemde notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. Bakker Bzn., makelaar, presenteert op woensdag 5 april 1876, des namiddags te 3 uur, in het lokaal De Witte Zwaan, op de Nieuwendijk te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het buitengewoon snel zeilend gekoperd en kopervast Nederlandse barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CONSTANCE, gevoerd door kapt. M. Kimmerer. Volgens Nederlandse meetbrief lang 44,06 meter, wijd 6,73 meter, hol 5,56 meter en alzo gemeten op 381 lasten of 722 tonnen. En dat verder met al zijn rondhouten, opstaand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventaris is vermeld. Het voornoemd barkschip ligt aan de werf De Boot van de heer F.F. Groen, Groote Wittenburgerstraat.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaar.
De datum van de verkoop vroeger abusief opgegeven als 3 april.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Thomas. 28 februari. De brik FAVOR, kapt. G.P. Pybes, van Winschoten, 276 ton, bedong GBP 3.10/- van Frontera de Tabasco met mahoniehout naar Falmouth voor order.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na lang tussen hoop en vrees geleefd te hebben, moet ik tot de treurige overtuiging komen, dat mijn innig geliefde echtgenoot Geert Helder, stuurman op het schip CATHARINA RICARDI, kapt. J.R. Koekkoek, de 5e november 1875 van Groningen naar Goole vertrokken, met al de opvarenden zijn graf in de golven heeft gevonden, in de ouderdom van 27 jaren, na een gelukkige echtvereniging van slechts elf maanden.
Zwaar treft mij die slag, daar ik de 4de december ook nog mijn kindje moest verliezen. Ik hoop echter in de wil des Almachtige te berusten, wiens doel enkel wijsheid en liefde is.
Groningen, 22 maart 1876.
G. Douwes, wedw. G. Helder.


24 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam, C.H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meester op dinsdag de 11e april 1876, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven No. 29, publiek verkopen het snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip IDA MARIA DE RAATH, laatst gevoerd door kapt. A. Dekker, volgens meetbrief lang 35,46 meter, wijd 5,60 meter, hol 3,50 meter en alzo groot 309 ton, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereed-schappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Scheepmakershaven, voor de Jufferstraat, binnen deze gemeente.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht een chronometer van Charles Trodsham, te bezichtigen op het gebouw van de Koninklijke Nederlandsche Yachtclub.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Grimsby, 22 maart. Het schip DAGERAAD is gepasseerde nacht in aanvaring geweest met de smak ANN & KEHIA, omtrent 10 mijl N.W.t.W van de Humber. Beide schepen hebben belangrijke schade bekomen en zijn naar deze haven gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hull, 21 maart. Het schoenerschip BEULAH, van Londen naar Oost-Hartlepool, is de 16e maart op Doggersbank door de equipage verlaten, die door de vissloep RIPPLING WAVE gered en alhier aangebracht is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 22 maart. Van de werf van de scheepsbouwmeester J.J. Bodewes te Sappemeer is j.l. dinsdag (opm: 21 maart) te water gelaten het tjalkschip ROELFIEN KEUR, groot 120 ton, zullende bevaren worden door de schipper P. Zielstra van Wildervank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Vincent, 7 maart. Het schip ANTJE, kapt. Julius, van Akyab naar het Kanaal, hier lek binnengelopen, heeft de halve lading gelost, waarna het lek is ontdekt en van binnen dichtgemaakt. De geloste lading wordt nu weder ingenomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van de notaris Van Starkenborgh te Groningen zal, op maandag de 3de april 1876, des avonds te 7 uur, ten huize van de kastelein IJ. Jansen, aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht het overdekt tjalkschip genaamd de ONDERNEMING, groot 91 tonnen, met opgoederen en toebehoren, zoals het thans is liggende in de Apoortengracht bij de Broodfabriek te Groningen, laatst bevaren door P.F. Lanting, om te aanvaarden en te betalen acht dagen na de toeslag. Dagelijks te bezien.
De conditiën van verkoop zullen in tijds op de gewone plaatsen ter lezing liggen.
Van Starkenborgh, notaris.


25 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne (Bornholm), 17 maart. De lading van het tjalkschip GEZINA, kapt. P.W. Nieuwenhuis, is voor 5.285 kronen verkocht.
(opm: tjalk in 1875 gestrand, zie ook NRC 260276)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 20 maart. Volgens bericht van kapt. De Boer, voerende het Nederlands schip W.H. RENDAL, kan de opening van de scheepvaart te Stockholm niet vóór 15 april tegemoet worden gezien, daar te Kappala, alwaar de W.H. RENDAL, ingevroren ligt, het ijs thans nog 18 duim dik is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Southampton, 23 maart. Het stoomschip CASTOR (opm: zeer waarschijnlijk het stoomschip van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij), van Rotterdam naar de Middellandse Zee, is hier binnengelopen om de ketels te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 24 maart. Scheepsvrachten. Sedert dinsdag j.l. werden een paar scheepjes aangenomen tegen Ffrs. 20 per 30 hectoliter haver voor de voorhavens van Frankrijk. Over het geheel was de vraag zeer beperkt.


26 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 17 februari. Vrachten. Onze markt blijft in dezelfde flauwe toestand als laatst bericht werd en kunnen slechts de volgende afsluitingen van Nederlandse schepen gemeld worden: stoomschip KONING DER NEDERLANDEN naar Nieuwediep NLG 30 particuliere tin, NLG 75 koffie, NLG 80 thee, NLG 90 à 100 specerijen, NLG 80 tabak; ANNA, naar Rotterdam, ligt aan NLKG 50 te Samarang; PHILIPS VAN MARNIX naar Nederland NLG 52,50 suiker in de Oosthoek.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, TELANAK, NEREUS, PROFESSOR SIMON THOMAS, ALBLASSERDAM, CORNELIS WERNARD EDUARD, URANIA, MAASSLUIS, PROF. VAN DEN BOON MESCH en GRAAFSTROOM.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hoewel de KÖNIG WILHELM reeds zeer diep in het zand gezonken en zwaar lek is, willen de Engelse ondernemers, naar men verzekert, het plan, om het schip af te brengen, nog niet opgegeven. Zij moeten voornemens wezen werktuigen uit Engeland te ontbieden, om het schip te lichten. Het doen van werkzaamheden is nu echter veel moeilijker, omdat het schip thans op de buitenbank rondom in ’t water ligt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op de 10e april 1876 zal publiek verkocht worden in het verkoopkamer der Beurs te Antwerpen, ten overstaan van de heer H. Schuermans en door bemiddeling van de heren Kennedy & Hunter, cargadoors, het eerste klas Italiaanse barkschip TRE FRATELLI, gebouwd te Destri (Genua) en het jaar 1874, groot 617 tonnen register en inhoud 1.020 tonnen, thans liggende in het dok te Antwerpen.
Voor nadere informatie gelieve men zich te adresseren aan de heren Kennedy & Hunter te Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 25 maart. Op de rede gesleept door Zr.Ms. ramtorenschip GUINEA, het stoomschip ANNA PAULOWNA, van Rotterdam naar Kopenhagen, met defecte machine. Het is later van de rede met een sleepboot binnengesleept en maakte toen averij aan het afkomende barkschip TWEE ZUSTERS, kapt. Harding.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 9 februari. De Nederlands-Indische brik WILHELMINA, kapt. Voll, toebehorende aan de firma De Vries en Van der Sluijs te Banda Neira, is op de klippen bij Timor Dely vergaan.


27 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 22 maart. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. van der Kuyl te water gelaten de sleepschroefstoomboot J. VAN DER VELDE. De stoommachines worden vervaardigd door de heer B. Wilton te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New York, 22 maart. Het schip AEGIDIA EN PAULINE, kapt. Rening, van Pensacola naar Liverpool, is op zee verlaten.


28 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 25 maart. Heden zijn van de werf van de Wed. C. Boele & Zonen met goed gevolg te water gelaten de schroefstoomsleepboten TRUIDA EN WILLIE, gebouwd voor rekening van de heren Thomassen & Coers te Nijmegen, en NIEUWE MAAS, gebouwd voor rekening van de heren L. Kalis & Co. te Sliedrecht. Beide machines zijn vervaardigd door de fabrikant Burgerhout & Kraak te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam op 27 maart in De Brakke Grond:
- Het Nederlandse barkschip EENSGEZINDHEID, gevoerd door kapt. Seinstra, groot 431 tonnen. Geveild voor NLG 10.500. In slag NLG 150: opgehouden.
- Het Nederlandse brikschip ACCRA, gevoerd door kapt. Spaanderman, groot 231 tonnen, geveild voor NLG 8.000. In slag NLG 100. Kopers Oolgaardt & Bruinier.
- Het fregatschip A.M.E., gevoerd door kapt. Kluit, groot 851 tonnen, geveild voor NLG 36.000. In slag NLG 600. Koper E.C.A. Koli.
- Het Engelse barkschip JAMES MUIR, groot 488 tonnen, geveild voor NLG 14.500: opgehouden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Terschelling, 25 maart. In de storm van ll. zaterdag op zondagnacht, is tussen dit eiland en Ameland een schip gestrand, genaamd ST. BRIEUX, kapt. Henry, van St. Brieux. De spiegel van het schip is hier aangedreven en het lijk van een matroos. Onder andere papieren vond men een brief aan een van de matrozen, geschreven door diens vrouw.
Stormweer, vergezeld van hevige sneeuwbuien, beletten de eilanders om zondagnacht, na het horen van twee noodschoten, in zee te gaan, maar bij het opklaren van de bui, zag men
een stoomboot in de nabijheid van de vermoedelijke plaats des onheils, zodat wellicht enkele schepelingen zijn gered.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Weldenkende mensenvrienden. Ere wie ere toekomt !
Ofschoon dezer dagen de nieuwsbladen reeds melding hebben gemaakt van het redden der 14 manschappen, uitmakende de equipage van het in de Eierlandsche Gronden gestrande Noorse barkschip LAURDAL, kapt. Gramnas, komende van Drobak, bestemd naar Limmerick met een lading ijs, door de bemanning van de reddingsboot nabij de vuurtoren te De-Cocksdorp, eiland Texel, meent de ondergetekende, dat echter ook billijk is niet alleen aan de Reddingsmaatschappij van Noord- en Zuid-Holland, maar ook aan alle weldenkende mensenvrienden te moeten bekend maken de namen van de 12 moedige De Cockdorpers, die hun leven op alle mogelijke wijze gewaagd hebben om dat van anderen, die anders gewis de dood in de golven gevonden hadden, te redden.
De namen van deze 12 reeds zo bekende De Cocksdorpers, die altijd bereid zijn te midden der grootste gevaren en ondanks de zwaarste stormen met God te doen, wat mogelijk is tot het behoud van de evenmens, zijn deze: Jan Sterk. Jan Schrander. Pieter Zegel. Jan Frederik Sterk. Gerard Wegman. Cornelis Bakker. Hendrik Bakker. Jan Bakker. Cornelis Griek. Leendert Griek. Arie Boon. Leendert Wiegel.
Bij het opgeven van hun namen gelooft de ondergetekende, hen met de meeste bescheidenheid aan de Directie van de bovengenoemde reddingsmaatschappij en aan alle weldenkenden ernstig te mogen aanbevelen, opdat zij overeenkomstig hun grote menslievendheid enige beloning erlangen, temeer, daar zij vaders zijn van talrijke huisgezinnen en de afgelopen wintermaanden in de grootste behoeften moeten doorbrengen. Vertrouwende dat hij, ondergetekende, hiertoe bij deze heeft mogen bijdragen, verklaart hij zich tevens bereid te zijn gaarne liefdadige offers ter hunner beloning in ontvangst te nemen. En hoogachtend heeft hij, met het grootste betrouwen op uwe bekende menslievendheid, de eer te zijn,
J. A. Scholte, pastoor te De Cocksdorp, Texel, 21 maart 1876.


29 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 28 maart. Het stoomschip GRONINGEN is waarschijnlijk doorgebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 28 maart. Scheepsvrachten. Voor de voorhavens van Frankrijk werd in de laatste dagen wederom gedaan tegen Ffrs 20 à 21 per 30 hectoliters haver, en besteedde men naar de kolenhavens aan de Oostkust van Engeland Sh.16/6 à 17/6 per 10 quarters tarwe.Steenkolenvracht van Newcastle op hier GBP 9.- per keel.


30 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 28 maart. De Nederlandse galjoot JANTINA CHRISTINA, kapt. Tunteler, van Glouchester naar Koningsbergen met zout, is alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 28 maart. Volgens bericht van kapt. Bleeker, gezagvoerder van het schip CONCORDIA, hier binnen, is het schip ALIDA, kapt. Scheepers, geladen met steen, de 19e dezer uit deze haven naar Norden vertrokken, op de Eems in de Lei gezonken. De bemanning is waarschijnlijk gered. Volgens bericht in de Börsenhalle is de ALIDA, kapt. Scheepers, de 24e maart van Norden naar Bremerhaven vertrokken.


31 maart 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 maart. Aangaande het Nederlandse schip CITO, kapt. G.L.B. Mooi Jzn., 9 oktober van Hartlepool naar Riga vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 27 maart. Het alhier op de rede aangekomen Nederlandse driemast schoenerschip MARIA ELISABETH, kapt. Pijl, van Windau naar Harlingen, heeft gedurende de hele reis zware sneeuwstormen ondervonden.


  JB - Javabode

Advertentie. Op woensdag 19 april zullen wij op vendutie verkopen het aan de boedel van wijlen de Arabier Said Aydroos bin Hoesin Masawa toebehorende barkschip FATHOOL HAIR, metende 522 tonnen, met zijn inventaris, thans liggende ter rede alhier en voor een ieder te bezichtigen, benevens 3 kanonnen, 2 chronometers, etc.
Nadere informatiën te bekomen bij Soesman & Co.


01 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Scheepstimmerwerf De Nijverheid. Aan heren aandeelhouders wordt kennis gegeven, dat de uitdeling over het met ultimo maart l.l. geëindigde 38e boekjaar is bepaald op NLG 5,- per 1/300e aandeel. Tegen invulling en overlegging van coupon no.13 kan over dit bedrag dagelijks worden beschikt ten kantore van de heren P. Loopuyt & Co.
Schiedam, 31 maart 1876, namens de directie, D.F.W. Prins, secretaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 31 maart. Door de directeur van de Koninklijke Maatschappij De Schelde is in overleg met de op haar werf werkende ondergeschikten een zieken- en begrafenisfonds opgericht, hetwelk heden in werking treedt. De bepalingen zijn zodanig, dat alleen het voordeel van de werkman wordt beoogd; bij het verlaten van de fabriek krijgt men zijn inleggelden terug. Om de 5 jaar worden de gelden, welke boven het bepaalde bedrag tot reservefonds in kas zijn, onder de werklieden verdeeld. De gestorte gelden worden bij de spaarbank van de Maatschappij tot 't Nut van 't Algemeen alhier gedeponeerd.
De directie heeft NLG 100 aan de kas van het fonds ten geschenke gegeven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 27 maart. Scheepsvrachten. Gesloten werd naar Grimsby Sh.12/6 voor eikenhout, Exeter Sh.2/6 voor tarwe, Honfleur Ffrs.31½ en 15% per last eikenhout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 25 maart. Scheepsvrachten. Zeilschepen hebben bedongen, naar Fécamp Sh.3/3 per ton hennep, naar Oost-Noorwegen 22½ mark per 5.000 Engelse pond rogge, naar het Engels Kanaal Sh.2/9, naar Bristol en het Bristols kanaal Sh.3/- per 500 Engels pond tarwe. Over het geheel genomen bestaat er zeer weinig vraag.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 27 maart. De driemast schoener MARIA ELISABETH, kapt. Pijl, van Windau naar Harlingen bestemd, is hier gisteren op de rede aangekomen. Het heeft op de ganse reis sneeuwstorm gehad.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 28 maart. Heden is van hier vertrokken het schip WILLEMINA ANTINA, kapt. De Boer, van Memel naar Leuven. Het kwam bij het onder zeil gaan te dicht aan de kust en moest assistentie nemen om vrij te komen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 31 maart. De vraag naar scheepsruimte is zeer gering. Gedaan werd voor het kanaal van Bristol tegen Sh.22/6 voor een hier liggend, en tegen Sh.20/- voor een elders liggend schip met lichterloon voor scheepsrekening. Voor de Oostkust of Franse voorhavens was geheel geen vraag.


02 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 31 maart. Volgens brief van kapt. Hoffman, voerende het barkschip ONRUST, d.d. St. Helena 9 dezer, was hij aldaar 26 febr. van Tjilatjap gearriveerd. Gedurende de reis was de equipage (uitgezonderd de 1ste stuurman) aan de koorts zodanig lijdende, dat hij soms genoodzaakt was met één enkel man de dienst te vervullen en het schip voor de wind
buiten koers te laten lopen. Op advies van de dokter besloot hij onmiddellijk 7 van zijn manschappen naar het hospitaal te zenden, de overige lijders zo mogelijk aan boord te
behandelen en bij de onmogelijkheid om ander volk te bekomen, plm. 14 dagen te vertoeven. De gedebarkeerden kwamen 8 dezer weer aan boord en waren met de overigen zover hersteld, dat, ofschoon zwak, de kapitein de volgende dag, na zich van de nodige
geneesmiddelen en verversing te hebben voorzien, de reis naar Rotterdam vervolgde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 30 maart. (per tel.) Het schip JOHANNA MARIA, van Gualeguaychu naar Falmouth met talk en benen, is lek alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping woensdag 5 april 1876, ten elf ure, in De Schans te Maassluis, van het schoenerschip BEULAH, groot 119 Engelse register tonnen, met masten, rondhouten, ankers, kettingen en zo voorts, zoals het ligt in de haven te Maassluis.
Informatiën ten kantore van Ter Bruggen & Co., scheepsagenten en Mr. L. Reeser, notaris Maassluis.
(opm: zie advertentie in NRC 100576)


03 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 31 maart. Kapt. E. Tholen van het schip JOHANNA MEIJER heeft voor GBP 2.500 bodemerij gesloten tegen 3⅝ %.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Heden is het stoomschip DRENTHE, kapt. W.S. Kramers, van hier naar Java vertrokken.
(opm: eerste commerciële reis van dit schip van de Rotterdamsche Lloyd).


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 2 april. Naar men verneemt, is de datum van de heropening van de maildienst Vlissingen - Queenborough thans definitief bepaald op 15 mei a.s. Enige dagen bevorens zal een van de boten naar Queenborough vertrekken, alwaar het nieuw aangelegde havenhoofd plechtig zal worden ingewijd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoogezand, 31 maart. Van de werf van de heer T. van der Werf is gisteren met goed gtevolg te water gelaten het tjalkschip CORNELIA, groot pl.m. 80 ton, zullende bevaren worden door L. Lieffijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Christiansand, 29 maart. De Delfzijlster driemast schoener AMSTEL, kapt. F. Doornbos, van Zoutkamp in ballast naar Frederikstad, is nabij Farsund op een onveilige plaats ten anker gekomen met verlies van roer en gekapte fokkemast, doch later des nachts in Farsund binnengebracht.


04 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 april. Op zijn buitenverblijf Manpadshoek, onder Heemstede, is gistermiddag te 04.30 uur aan een langzaam verval van krachten overleden de bekende industrieel de heer Paul van Vlissingen, van 1855 tot 1861 lid van onze gemeenteraad. Hij bereikte de leeftijd van bijna 77 jaren.
Op het staatsieportret dat in de jaren veertig van hem werd geschilderd, liet Paul van Vlissingen zich omringen door objecten die zijn werkterrein aanduidden: het borstbeeld van James Watt en, linksonder, de regulateur die Watt had uitgevonden. Her is onbekend of Van Vlissingen ook zelf technische tekeningen kon vervaardigen, maar hier houdt hij toch een passer in zijn hand. Het stoomschip op de achtergrond is vermoedelijk een verwijzing naar zijn Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 2 april. Gisteren vierde de heer T. Metz, kapitein van de stoomboot ADA VAN HOLLAND, van de Amsterdamsch-Tesselsche Stoomboot-Maatschappij, zijn 50-jarig jubileum in de dienst tussen Texel en Nieuwediep, waarvan ruim 35 jaren als postschipper en kapitein van genoemde boot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Berwick, 31 maart. Het kofschip RENSKE, van Itzehoe naar Grangemouth, is op één van de Fern Eilanden gestrand. De equipage is te Sunderland aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 26 februari. Vrachten. Gedurende de laatste 14 dagen bleef de toestand van onze markt onveranderd. Het getal onbevrachte schepen werd weer groter, doch wordt er bijna geen product aangeboden. Naar Holland is NLG 50 geaccepteerd, doch hadden er naar Het Kanaal geen afdoeningen plaats. Voor Australië werd GBP 1.5/- en GBP 1.2.6 besteed en zouden nog een paar handige scheepjes tot deze koersen emplooi kunnen vinden. Voor rijst van Saigon naar Java werd een schip opgenomen tot NLG 50 per picol en heerst er tot deze vracht nog enige vraag. Voor rijst van Rangoon naar Het Kanaal v.o. werd alhier een schip bevracht tot GBP 3 indien te Rangoon, of tot GBP 2.17.6 indien te Akyab te laden. Steenkolen. Geen nieuwe verkopen werden vermeld. Voor een lading Schotse kolen, te Anjer liggende, is geen bod te verkrijgen. De laatste afsluitingen zijn: Naar Nederland: De Nederlandse PHILIPS VAN MARNIX, NLG 52,50 voor suiker uit de Oosthoek naar Amsterdam; TELENAK, NLG 30 voor factorij-tin, NLG 45 voor tabak van Batavia; NLG 55 voor tabak, NLG 65 voor koffie van Pangool, Patjitan en Tjilatjap naar Amsterdam; het stoomschip HOLLAND, NLG 30 voor suiker, NLG 70 voor koffie, NLG 60 en NLG 65 voor tabak, NLG 50 voor particulier tin, NLG 120 voor indigo, NLG 125 voor kapok naar Amsterdam. De Nederlandse PROFESSOR SIMON THOMAS accepteerde een houtvracht van Grissee naar Batavia; de Nederlandse MAASSLUIS doet een kustreis.
In lading hier en op de kust: Het Nederlandse stoomschip PRINS VAN ORANJE.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 2 april. Door een commissie van vijf leden is in de vorige week het stoomschip
GRONINGEN, op Maasdrooge gestrand, bezocht; met de ijssloep aan boord gekomen, werd bevonden, dat de stormen van februari en maart het schip zo vreselijk hadden geteisterd, dat het als totaal wrak is te beschouwen, zodat de assuradeuren deze ongelukkige schipbreuk
als een totaal verlies hebben te beschouwen, daar het geborgene wel door de gemaakte kosten zal worden verslonden.


  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie op zaterdag 8 april 1876 in het Vendulocaal, door W.L.van Slooten, van de schoener PHOENIX, met inventaris, groot 28 tonnen, thans liggende aan de Groote Rivier bij het Heemradenplein.


05 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 april. Volgens telegram van het Nederlandse consulaat te Archangel, was de kapitein en equipage van het geabandonneerde schip PHENIX aldaar de 3e dezer van de Petchora aangekomen.
(opm: stalen driemast schoener, reder D. Brodie, kapt. R. Oosting).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dungeness, 3 april. Drie man zijn alhier aangebracht per Deallogger PRINCESS ROYAL, behorende tot de bemanning van het schip CAROLINA, van Liverpool, welk schip 16 februari bij de Kaap Verdische Eilanden gezonken is en beladen was met palmolie en palmpitten. De drie man waren opgenomen door het Deense schip HOPPENEN. Een andere boot, waarin de kapitein, stuurman en 5 matrozen waren, daarvan heeft men sedert niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 2 april. Het schip JANTINA CATHARINA, kapt. Van Dijk, 29 februari alhier lek binnengelopen en de schade hersteld hebbende, vertrekt weer naar Hamburg.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 4 april. Voor de kolenhavens aan de Oostkust van Engeland werd heden gedaan tegen Sh.13/6 per 10 quarters haver of Sh.17/6 per 10 quarters tarwe. Voor de voorhavens van Frankrijk besteedde men Ffrs. 23 per 30 hectoliter haver, alles met gratificatie.


  JB - Javabode

Batavia, 5 april. Naar wij vernemen is het Franse stoomschip l’AVENIR, hetwelk onlangs ten gevolge van het breken van de schroefas van Anjer naar Batavia is gesleept geworden, aan het atelier de Nederlandsch-Indische Droogdok Maatschappij op het eiland Amsterdam van een nieuwe as voorzien zonder dat het nodig was te dokken. De reparatie liep binnen de bepaalde tijd van 15 dagen af en was geheel naar wens. De kosten waren betrekkelijk gering. Wij kunnen niet nalaten de Maatschappij geluk te wensen met het goede resultaat van deze eersteling.


06 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Amsterdam op 5 april, in het lokaal De Witte Zwaan: het Nederlandse barkschip CONSTANCE, groot 722 tonnen, gevoerd door kapt. Kimmerer, is opgehouden voor NLG 24.400.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 3 april. Volgens alhier ontvangen bericht van kapt. Ouwehand, voerende het barkschip REGINA MARIS en kapt. Haasnoot, voerende het barkschip LUCTOR ET EMERGO, zijn beiden 29 februari van Rangoon vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het stoomschip OPHIR (opm: van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij), van Greenock naar Batavia, is de 29e maart van Gibraltar vertrokken.
(opm: de OPHIR was op 21 maart uit Greenock vertrokken)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoop in veiling van het eerste klasse Italiaanse barkschip TRE FRATELLI,
in 1874 te Genua gebouwd; meet 617 ton en draagt 1.020 ton, liggende te Antwerpen.
De verkoop geschiedt de 10e april 1876 in het Verkooplokaal van de Beurs,
door notaris H. Schuermans.
Gegadigden adresseren zich aan de makelaars Kennedy & Hunter, Antwerpen.


07 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 6 april. Het Engelse schoenerschip BEULAH, van Hartlepool, onlangs verlaten alhier binnengebracht, heeft gisteren in publieke veiling opgebracht NLG 1.050.
(opm: waarschijnlijk opgehouden, zie NRC 100576)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 23 maart. Het barkschip AEGIDIA EN PAULINE, kapt. Renning (opm: thuishaven Rostock), is ongeveer 100 Eng. mijlen ten NNW van Loggerhead Key verlaten. De equipage is door een passerend schip opgenomen. Stoomboten zijn van Key West vertrokken om het schip op te zoeken en zo mogelijk binnen te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Grande, 25 februari. De Nederlandse schoener ZEEVAART, kapt. Ritzes, is bevracht om alhier gezouten huiden te laden naar Falmouth voor order.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 3 maart. Het Nederlandse schip SLIEDRECHT is bevracht om balken en planken te laden van hier naar Mauritius.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Castletown (Isle of Man), 4 april. Het barkschip GLADSTONE, kapt. Oldenburger, van Liverpool naar de Oostzee met zout, is bij de Calf of Man gezonken. Van de equipage, bestaande uit 9 man, zijn er 3 verdronken.
Chicken Rock and Calf of Man
Coll: Steve Hoggar, Google Earth


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 6 april. Het Nederlandse barkschip NIEUWLAND, gebouwd in 1857, groot 754 tonnen, is uit de hand verkocht aan de heren Canne & Balwé alhier, door tussenkomst van de makelaar Ed. C.A. Koli.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het in het vorig jaar nieuw gekoperd en vertimmerd fregatschip HONIGBIJ, gevoerd door kapt. J. van Leeuwen, groot 399 gemeten lasten, liggende aan de werf van de heren Meursing en Huijgens te Amsterdam.
Te bevragen bij de cargadoors de Wed. Jan van Wesel & Zoon te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De notaris Van Leeuwen te Leeuwarden zal, ten verzoeke van de heer Burgemeester van Schiermonnikoog, daartoe gemachtigd door H.H. assuradeuren, op dinsdag de 25ste april 1876, des voormiddags 9 uur, bij het pakhuis van strandgoederen aldaar, in het openbaar, tegen gerede betaling, verkopen de geborgen tuigage van het op 20 november 1875 gestrande Noorse schoenerschip CATHARINA, gevoerd geweest door kapt. Nils Lie, bestaande in staand en lopend tuig, zeilen, ankers, kettingen, vlet enz., benevens het wrak van dit schip, voor zoveel nog aanwezig.
Dezelfde notaris zal, ten verzoeke als in bovenstaande advertentie is omschreven, ter zelfder plaatse daarin vermeld, na afloop van de verkoop der tuigage, als voren tegen gerede betaling verkopen de uit bovengenoemd schoenerschip geborgen lading gezaagde en geschaafde planken, bestaande in 5.832 stuks eerste soort en 4.080 stuks tweede soort,
lang van 2 tot 13 meters, breed plus minus 15 centimeters en dik 3 centimeters.
Informatiën te nemen bij de heer burgemeester en notaris voornoemd.


  JB - Javabode

Batavia, 7 april. De gezagvoerder van een Zweedse bark in ballast heeft, naar het schijnt, de inham van het eiland Groot Kombuis, waar de prauwvoerders gewoon zijn koraalsteen te halen, aangezien voor de passage tussen Groot- en Klein Kombuis. Het gevolg was, dat de bark op de stenen zit. De stomer KHIVA is ter assistentie gezonden.


08 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 6 april. Van de werf, toebehorende aan de scheepsbouwmeester J. Korver, alhier, is heden met goed gevolg te water gelaten het sloepschip genaamd ELISABETH, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij, zullende gevoerd worden door stuurman M. Struijs, voor rekening van de firma Van Harwegen & Den Breems en is onmiddellijk daarna de kiel opgehaald voor een sloep bestemd voor hetzelfde doel, zullende genaamd worden EERSTELING, voor rekening van een te Hellevoetsluis opgerichte rederij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 24 maart. Het wrak van het in januari op het Colorado rif gestrande Nederlands schip ENTREPRISE II, kapt. Mulder, van New-Orleans naar Havre bestemd, is verkocht voor 295 dollar en het tuig en de zeilen voor 535 dollar. Ongeveer 1.408 balen en 1.098 stuks duigen zijn geborgen en naar Havana gezonden, om naar de plaats van bestemming verscheept te worden; 600 balen beschadigde katoen zullen verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. De stoomboot VESUVIUS van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, van Gibraltar naar Rotterdam bestemd, is in Het Kanaal door een Engelse stoomboot aangevaren en gezonken. Naar men zegt, is de equipage gered, doch één man wordt vermist. Bijzonderheden ontbreken.
(opm: zie NRC 090476)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het stoomschip PATOEAH (opm: van de Nederlands-Indische Stoomvaart Maatschappij), van Waterford naar Batavia, is de 5e april te Gibraltar aangekomen.
(opm: de PATOEAH was op 30 maart vertrokken van Waterford)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 6 april. Volgens ontvangen telegram is het Nederlandse schip MEIKA CORNELIA, kapt. K. Kruize, van Antwerpen met dakpannen naar Gothenburg, in de Noordzee gezonken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 1 april. Gesloten is naar West Hartlepool Sh.40/- à 42/-, St. Malo Ffrs 68 en 5% per standaard planken, Landerneau Ffrs. 52 per last vlas.


  JB - Javabode

Geveild op zaterdag 8 april in het lokaal van het Vendu Departement alhier, voor rekening van de heer Th. Quijna: de schoener PHOENIX, groot 28 tonnen, en getaxeerd op NLG 800. Koper de Arabier Said Mohamad bin Aboe Bakar Aydit voor NLG 800.


09 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 maart. Volgens bericht uit Anjer is het aldaar gestrande schip ADMIRAL DEVOUX geheel uit elkander geslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Michaels, 30 maart. De CORNELIA ABRAMINA, kapt. Stuur, van Bahia naar Havre met gemengde lading, is heden alhier aangekomen met schade aan het roer, verlies van zeilen en boten en meer andere schade. Schade aan de lading is niet opgegeven. Het schip is binnen het breekwater gemeerd en zal repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 maart. Vrachten. Sedert het vertrek van de vorige mail is er weinig of geen verandering in vrachten gekomen, de koersen naar alle havens blijven zeer laag en waren de afdoeningen beperkt, namelijk: Het Nederlandse stoomschip HOLLAND naar Amsterdam NLG 70 voor koffie, NLG 60 en NLG 65 voor tabak, NLG 50 voor particuliere tin, NLG 120 voor indigo, NLG 125 voor kapok; het Nederlandse stoomschip TELENAK naar Amsterdam NLG 30 voor particuliere tin, NLG 45 voor tabak, te Batavia te laden, NLG 55 voor tabak, NLG 65 voor koffie, op de zuidkust. Het Nederlandse stoomschip BORNEO gaat naar Saigon rijst laden tot $ 0,30. De MAASSLUIS heeft een zoutvracht naar Tjilatjap aangenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hastings, 7 april. Het stoomschip SAVERNAKE is te Hastings op strand gezet na in aanvaring te zijn geweest met het Nederlandse stoomschip VESUVIUS, hetwelk dientengevolge ongeveer 3 Engelse mijlen bezuiden Hastings is gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Farsund, 30 maart. De Nederlandse schoener AMSTEL, kapt. Doornbos, die met verlies van het roer alhier ten anker is gekomen en door stormweder de tuigage moest kappen, is de 27e maart door een stoomboot hier binnengesleept. Ook het gekapte tuig is geborgen.


10 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 april. Volgens ontvangen bericht zal de geborgen arak van het op Pulo Mendjangan gestrande schip ARIA EN BETSY, kapt. Sorgdrager, benevens het wrak, hetwelk half onder water ligt, te Soerabaja op vendutie verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 9 april. Het schip LODEWIJK, kapt. Dupuy q.q., van de westkust van Afrika naar Rotterdam, is hedennacht op de West gestrand. Sleepboten van hier zijn derwaarts ter assistentie. Nadere bijzonderheden ontbreken.
De LODEWIJK zal weg zijn. Door de ijssloep zijn hedenmorgen 3 passagiers en 2 zieke matrozen aan wal gebracht. Heden is de reddingboot van hier langs zijde van het schip en neemt de overige mensen over. Uitgezonderd de jongen, is de equipage van de LODEWIJK door de reddingsboot van hier gered. De LODEWIJK is wrak en in het vaarwater gezonken. (opm: zie NRC 110476 en 130876)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Castleton, 6 april. Het barkschip GLADSTONE, kapt. Oldenburger, met zout van Liverpool naar Memel, op Burrow, nabij Calf of Man, in de nacht van 3 april laatstleden, gestrand, is kort daarna overzij gevallen en in diep water gezonken. Van de equipage zijn drie man verdronken. Een gedeelte van het wrak is geborgen en zal 11 april publiek verkocht worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 maart. Behalve ongeveer NLG 10.000 in specie en bankpapier, is het gehele bedrag van de verzekerde waarde, uit het gezonken stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN opgevist.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude Pekela, 7 april. Eergisteren werd met goed gevolg van de werf van de scheepsbouwer F.L. Drenth te water gelaten het schoener-brikschip ZÈLE, groot pl.m. 140 last, bevaren zullende worden door kapt. A. Heeres, onder directie van de heer F.L. Drenth.


11 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 10 april. Gisteren morgen om 4 uur geraakte het te Rotterdam te huis behorende barkschip LODEWIJK, gezagvoerder Dupui, op het West op strand. Van hier vertrokken de sleepboten ZIERIKZEE met de ijssloep van B. Weltevreede en BROUWERSHAVEN met een goed bemande lichter. Door het stormachtige weder was het niet mogelijk met de lichter langs zijde van de LODEWIJK te komen; met de ijssloep werden al spoedig 3 passagiers en 2 zieke matrozen aan de Hoek van Holland aan wal gebracht. Door de sleepboot ZIERIKZEE werden tevergeefs pogingen in het werk gesteld om het schip af te brengen. Door de steeds toenemende wind en zee begon het schip zwaar te werken, eindelijk werd het lek en schoof nog 1½ scheepslengte vooruit. Het werd nu meer dan tijd dat de opvarenden, die zich steeds in het want bevonden, het wrak verlieten. De reddingsboot van ’t Loodswezen aan den Hoek van Holland, de redding willende beproeven, werd zodanig tegen het wrak geslingerd, dat zij onbruikbaar werd; vier van de vijf redders sprongen op het wrak; de reddingsboot, waarmede de scheepsjongen zich nog wilde redden, doch die daarbij verdronk, dreef met een man benoorden de hoofden, doch werd gelukkig door de sleepboot BROUWERSHAVEN opgenomen en in het Kanaal gesleept. Nu trachtte zowel de ZIERIKZEE als de ijssloep het wrak te naderen; maar de pogingen van beide vaartuigen werden telkens verijdeld. De toestand der schipbreukelingen werd hoe langer hoe hachelijker; 11 man bevonden zich op een kleine ruimte op het voorschip; telkens sloeg de zee over hen heen, en twee man geraakten zelfs te water, doch werden door hun lotgenoten gered. Inmiddels had men van den Hoek van Holland naar hier geseind om de bij ons gestationeerde reddingsboot van de Zuidhollandsche Maatschappij, schipper P. van Noord. Met alle mogelijke spoed vertrok deze per sleepboot BATO naar de plaats des onheils en kwam gelukkig nog bij tijds om de schipbreukelingen die zich op het wrak bevonden van een anders gewisse dood te redden. Twee matrozen, die uitgeput van vermoeienis en ziek waren, werden door de BATO overgenomen. Toen de schipbreukelingen alhier kwamen, werden zij in het logement Bellevue gebracht, waar zij verzorgd en van nieuwe kledingstukken voorzien zijn; één hunner, wiers levensgeesten uitgeput schenen te zijn, vereiste bijzondere zorg. Door krachtige inspanning van de chirurgijn Versteeg mocht het gelukken hem weder enigszins tot bewustzijn te brengen, maar de lijder is zo zwak, dat hij nog niet kon worden vervoerd en men voor zijn leven vreest. De overige manschappen zijn nog gisterenavond, deels per sleepboot BATO, deels per as, naar Rotterdam overgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 april. Ingezonden brieven. Mijnheer de redacteur!
Onder de rubriek zeetijdingen in uw courant van heden komt onder meer het volgende voor:
"Maassluis, 3 april. Het schip LODEWIJK, kapt. Dupuy, van de westkust van Afrika naar Rotterdam, is hedennacht op de West gestrand; sleepboten van hier zijn derwaarts tot assistentie; nadere bijzonderheden ontbreken.
De LODEWIJK zal weg zijn; door de ijssloep zijn hedenmorgen 3 passagiers en 2 zieke matrozen aan wal gebracht. Heden is de reddingboot langs de zijde van het schip en neemt de overige mensen over. Uitgezonderd de jongen is de equipage van de LODEWIJK door de reddingboot van hier gered. De LODEWIJK is wrak en in het vaarwater gezonken".
Dewijl velen van uw lezers onbekend zullen zijn met de uitdrukking "op de West gestrand" en misschien in de waan verkeren, dat het schip in het vaarwater aan de grond is geraakt, zo neem ik de vrijheid, om alle verkeerde gevolgtrekkingen voor te komen, u mede te delen dat de LODEWIJK, zoals ik gisteren aan de Hoek van Holland heb vernomen, geheel buiten het vaarwater aan de grond is geraakt (zijnde de West een bank, die zich langs en voor het Zuider Hoofd van de Waterweg uitstrekt), dat men daarop heeft getracht met behulp van de zeilen en een stoomboot, zolang deze bij het schip kon blijven, de LODEWIJK over de bank heen in het vaarwater te brengen, doch dat het schip bij die pogingen zoveel heeft geleden dat het, niettegenstaande aanhoudend pompen, vol water is gelopen en, zodra het in dieper water is gekomen, even beoosten de tweede witte ton, is omgeslagen en gezonken.
Wat de oorzaak is dat het schip, van een kanaalloods voorzien, zover buiten het vaarwater aan de grond is gekomen, is mij niet bekend.
Met de plaatsing van deze regels zult u verplichten Uw. Dv. Dienaar, D.C. Rietbergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 april. Het te Oude Pekela thuis behorende schoenerschip CITO, kapt. Mooi, 9 oktober van West Hartlepool naar Riga vertrokken, is vergaan. De bemanning heeft haar graf in de golven gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 april. Volgens ontvangen telegram is het stoomschip PRINSES AMALIA in de avond van 8 april te Suez teruggekomen met schade aan de machine. Het werd gesleept door het stoomschip MANDALAY.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 april. Een Nederlandse schoener, met olie beladen, zou volgens bericht gisteren bij Tisvilde (N. kust Deense eiland Seeland) gestrand zijn. Nadere bijzonderheden onbekend. Het stoomschip KATTEGAT is derwaarts vertrokken.


  JB - Javabode

Makassar, 24 maart. Al een paar dagen geleden is er hier tijding ontvangen, dat het stoomschip BARON BENTINCK bij de hoofdplaats van Boeton geankerd lag met gebroken machine, waardoor de reis niet vervolgd kon worden en hulp vereist werd. Sedert heden morgen is Zr.Ms. stoomschip BALI met de BARON BENTINCK op sleeptouw in het gezicht om de rede van Makassar te bereiken en zal heden tegen de avond dus wel behouden binnen gebracht zijn.
De GOUVERNEUR BAKKERS, wiens vergaan onder de geruchten behoorde en ongerustheid baarde, ligt volgens tijding bij Saleijer en heeft met slecht weder en tegenwind te kampen gehad, waardoor het schip ook averij zou hebben bekomen.


12 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 10 april. Zaterdag is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz., met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefsleepboot J. VAN DE VELDE EN CO. No. 3, gebouwd voor rekening van J. van de Velde en Co. te Papendrecht. De machine is vervaardigd in de fabriek van Walker Stronck, Van Delden, te Katendrecht.
Daarna is de kiel gelegd van de ijzeren schroefsleepboot NIJMEEGSCHE SLEEPDIENST No. 6, voor rekening van de heer H. van den Bout te Nijmegen. Voor deze boot wordt de machine vervaardigd in de fabriek van Burgerhout en Kraak te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Heden werd Zr.Ms. opleidingsschip ADMIRAAL VAN WASSENAER, onder bevel van de kapitein-luitenant ter zee J.B.A. de Josselin de Jong, in dienst gesteld.
Zoals bekend is, zal deze bodem dienen om onze jeugdige schepelingen hun eerste opleiding te verschaffen. Voor een 500 tal biedt hij daartoe de nodige ruimte aan.
Het schone fregat is een sieraad van het Oosterdok en denkelijk zal het menige jongen tot indiensttreding uitlokken; het gezicht toch van een fraai schip maakt nog altijd indruk op Hollandse knapen.
Het dek is 65 m. lang en 14 m. breed. Onder de kampanje is de woning voor de commandant met echtgenote en dienstboden. Op het tussendek vindt men het verblijf van de officieren, de leerzaal, geschutdek enz.; op het kuildek het verblijf voor de onderofficieren en de zaal voor de jongens, met de gewone bakstafels en banken, die des nachts door hangmatten worden vervangen. De ruimte, vroeger door de machines en ketels ingenomen, is in een gymnastiekzaal herschapen, zo kolossaal, dat ieder bezoeker er over verwonderd is, zulk een ruimte op een schip aan te treffen.
Over het algemeen is van de bestaande in richtingen met oordeel partij getrokken; overal is ruimte, licht, lucht en water. Op onbekrompen wijze is voor alle benodigdheden gezorgd en ieder die in de gelegenheid komt om deze nieuwe inrichting voor onderwijs en opvoeding te zien, zal er ongetwijfeld een goede indruk aan meedragen.
Voorts bestaat de bemanning uit een vijftigtal onderofficieren en minderen en een detachement mariniers van 36 man. Een viertal onderwijzers wordt uit een groot aantal sollicitanten gekozen. Met de opleiding van ongeveer 200 jongens, van het wachtschip en de kanonneerboot te Leiden overgenomen, wordt begonnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Dankbetuiging. Wij ondergetekenden, gezagvoerder en 1e stuurman van het Nederlands driemast schoenerschip LODEWIJK, zittende op de Westbank Nieuwe Waterweg aan de grond.
Aan A. Weltevreden, kapitein van de sleepboot ZIERIKZEE, met zijn equipage en B.C. Weltevreden, schipper van de assistentiesloep met zijn manschappen voor hun onverschrokken menslievende en moedige pogingen om ons allen te redden.
Gemelde sleepboot stoomde met gevaar zelf schipbreuk te lijden op het achterschip van de LODEWIJK aan en bekwam door de hoge zee, enz. een gat in de boeg en verdere averij.
Doordien wij doornat waren, konden wij niet vlug genoeg overspringen, enige geraakten, verward in het touwwerk, overboord.
Ik als stuurman dreef in de branding, werd aldaar door de ZIERIKZEE opgevist en van een wisse dood gered.
Ik als kapitein werd later door een reddingboei van gemelde sloep door de branding heen gehaald en in gemelde boot, door de ZIERIKZEE gesleept, bewusteloos opgenomen.
Behouden werden wij God zij dank te Maassluis aan wal gebracht.
De verdere manschappen werden door de reddingboot van Maassluis gered.
Gezagvoerder W. de Puij.
1e Stuurman W. Korndörffer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 10 april. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefsleepboot MARIA EN ELIZABETH, gebouwd voor rekening van de heren C. Gort Rz. en J. Hofman Cz. te Sliedrecht; de machine is vervaardigd in de fabriek van de heren Walker, Stronck & Van Delden, linker Maasoever te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 10 april. Heden werd van de werf van de heren J. & K. Smit alhier met het beste gevolg te water gelaten het fregatschip KINDERDIJK groot 950 registerton, gebouwd voor rekening van een rederij onder directie van de heer Murk Lels en gevoerd zullende worden door kapt. M.C. Disper.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen in de zaal aan de Scheepmakershaven no. 29 te Rotterdam op dinsdag 11 april:
- Het Nederlandse barkschip IDA MARIA DE RAATH, verkocht voor NLG 13.500,-
- Chronometer, NLG 105 aan E.A. Koli.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 april. Het schoenerschip TOBINA, kapt. Wortelboer, met steenkolen beladen, is gepasseerde nacht 5 mijlen beoosten Dungeness gestrand. Een man en een jongen zijn verdronken.
(zie: NRC 190476).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 8 april. Het bij Tisvilde - vijf minuten westelijk van hier - gestrande Nederlandse schoenerschip is de JEANNETTE, kapt. P.K. Duiven, te Wildervank thuis behorende, van Rotterdam met olie naar Reval bestemd. Het schip zit gevaarlijk, nabij het strand en in weinig water.
(opm: zie NRC 110467; in loco verkocht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Treport, 8 april. Gisterochtend ten 7 uur op 8 mijl afstand tussen Hastings en Dungeness werd het stoomschip VESUVIUS bij dikke mist door het stoomschip SAVERNAKE aangevaren en in de grond gelopen. Een uur later werd door kapt. Bibet van de vislogger JEUNE ALBERT opgevist 2 scheepssloepen van de VESUVIUS, in een daarvan was één en in de andere vier man, welke door de kapitein en zijn bemanning liefderijk behandeld, met voeding en kleren voorzien en gepasseerde nacht ten 9 uur aan land gebracht werden. Zij veronderstellen dat de gehele equipage gered is, doch het schip gezonken zal zijn. De namen van deze 5 man zijn: Adde Bieze, Willem Steendam, Jakob de Gunst, H. Knol en F. van Dongen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hoogezand, 10 april. Van de werf van de heer I.A. Hooites is woensdag j.l. (opm: 5 april) te water gelaten een schoener-brikschip, groot 200 tonnen, zullende bevaren worden door kapt. H. Schuth, terwijl heden middag van de werf der heren G.J. Boon, Molema & Penning te water werd gelaten de ijzeren schroefstoomboot PEIZE, gebouwd voor rekening van de heren Schuur en Hofman te Peize.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 11 april. De vraag naar scheepsruimte was heden zeer gering. Gedaan werd naar de Franse voorhavens tegen Ffrs. 20 met gratificatie.


13 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Blijkens verslag van de Nederlandse consul-generaal in Canada, opgenomen in de Staatscourant, zijn in de havens van Quebec en Montreal gedurende 1875, aangekomen 1 Nederlandse brik, van Rotterdam met een gemengde lading en vertrokken naar de Plata rivier met hout, benevens 9 vreemde schepen uit Nederlandse havens (5 in ballast), waaronder 2 van Java met suiker voor Montreal. Uit Quebec vertrok 1 vreemd schip met hout naar Nieuwediep. Te Halifax is 1 Nederlandse schoener aangekomen met jenever uit Delfshaven.
Naar aanleiding van het geringe aantal Nederlandse schepen, welke de voormelde havens bezocht hebben, merkt de consul-generaal aan, dat naar zijn oordeel de Nederlandse reders bij proefneming zouden bevinden dat vrachtvaart op Canada geenszins onvoordelig is, met name voor grotere schepen, welke gemakkelijk uit- en thuisvrachten zouden kunnen verkrijgen en, in ballast uitgaande, te Sydney of andere kolenhavens in Nova-Scotia, geredelijk ladingen steenkolen voor Quebec en Montreal zouden vinden, in de regel tegen voordelige vrachten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Men meldt ons uit Amsterdam van 12 april:
De scheepstimmerlieden hebben hedenochtend het werk gestaakt; met kleine meerderheid is daartoe door de vereniging besloten. Men schijnt met de scheepsbouwmeesters eerst overeengekomen te zijn dat het zomerloon 23 ct. per uur zou bedragen; deze berekenden nu ook alles per uur en niet meer per schoft zoals vroeger, waaraan de werklieden niet hadden gedacht en dat dus tegenviel. Reeds lang was men er op uit om 25 ct. per uur te vragen, doch bij de thans gevolgde wijze van berekenen stellen zij hun eis nu op 30 cent.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping op dinsdag 18 april 1876, des voormiddags ten 11½ ure, aan de Blaak nabij de Keizersbrug te Rotterdam, door de deurwaarder J. Gouverne, van het hechte en sterke koftjalkschip, genaamd ALTJE MEIER, groot 61 ton, in 1867 gebouwd, met deszelfs complete inventaris, bestaande in:
Ankers, kettingen, zeilen, touwen enz., benevens de koks- en andere gereedschappen.
Vanaf heden aldaar te bezichtigen, terwijl ten kantore van genoemde deurwaarder, Wijnstraat No. 109, nadere informaties te bekomen zijn.


14 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Heden is moet goed gevolg te water gelaten aan de werf van de heer D. Goedkoop Jr., de schroefsleepboot SLEEPDIENST NOORD-HOLLAND No. 4, voor rekening van de HH. Gebr. Goedkoop alhier. De machines met toebehoren (compound systeem) zijn vervaardigd door de heren Walker, Stronk & Van Delden, machinefabrikanten te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 11 april. Het Nederlandse schip KOSMOPOLIET, kapt. Hoster, van Rotterdam naar Buenos Aires, is hier met zware schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 april. Van het gestrande schip WEBFOOT wordt met visschuiten veel geborgen en in lichters en in lichters in de haven overgenomen. Het schip maakt voortdurend veel water. Voor zover men kan nagaan zijn de beide onderste lagen van de suikerkanassers geheel bedorven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 april. De WEBFOOT is een weinig gedraaid; de equipage is aan wal gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 10 april. Het Nederlandse schip JEANNETTE, kapt. Duiven, van Rotterdam naar Reval, te Tisvilde gestrand, zit zo hoog dat men met vaartuigen het schip niet naderen kan om de lading te lossen. Men heeft een akkoord aangegaan om het schip af te brengen. Tegen 25 procent van de waarde van schip en lading, reeds heden vertrekt het stoomschip DRAGÖR tot dat einde naar de strandingsplaats.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een goed onderhouden brikschip, groot 208 tonnen, geclassificeerd bij Veritas 5/6 1. 1. Het schip is uitmuntend geschikt voor de houtvaart.
Nadere inlichtingen zijn te bekomen bij de makelaar J.W. Held, Buitenkant 4 te Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 april. Heden arriveerde hier het nieuw gebouwd galjootschip EFEMIA, kapt. W. Top, van Groningen, groot 130 ton, gebouwd bij W. Bodewes te Martenshoek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude Pekela, 12 april. Jongstleden zaterdag (opm: 8 april) is van de werf van de heer F. Wortelboer met goed gevolg te water gelaten het nieuw gebouwd schoenerschip HARMONIE, groot 200 tonnen, dat gekocht is en bevaren zal worden door kapt. A.H. Douwes te Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 10 april. Door het opperste hof der zeemacht te Madrid is d.d. 24 februari l.l. in zake de gepleegde roof op het schoenerschip PLEIJADEN, kapt. A.H. de Jonge, vonnis gewezen en zijn de bekende zeerovers Rafaël Sanchez Ruiz en Cajetano Rodriguez Andujar veroordeeld tot vier jaren galeistraf en gedurende die tijd schorsing van elk openlijk ambt, betrekking en stemrecht en tot burgerlijke verantwoordelijkheid tot herstel der veroorzaakte schade, geleden door het schip PLEIJADEN, terwijl deze verantwoordelijkheid moet verstaan worden voor gelijke delen solidair voor hen beiden te zijn. Ingeval van insolventie zullen zij een subsidiaire gevangenisstraf ondergaan, berekend tegen één dag voor elke vijf pesetas (ongeveer NLG 2,50 Nederlandse courant) van het bedrag der schadeloosstelling, welke gevangenisstraf echter nooit langer dan één jaar zal kunnen duren. Aan de Nederlandse consul te Liberia zijn vier arroba’s van het ontvreemde meel der lading toegezonden.


15 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 14 april. (Per tel.) Het Duitse galjootschip ELISABETH, kapt. Eckhoff, van Newcastle met een lading steenkolen naar Leer, is heden alhier gestrand. De equipage is gered. Schip en lading zijn vermoedelijk weg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 11 april. De bergingsstoomboot DRAGÖR is alhier aangekomen met 32 vaten olijfolie, geborgen uit het bij Tisvilde gestrande schip JEANNETTE, kapt. Duiven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 12 april. Het brikschip MEDEA, kapt. Abrahamsen, van Rotterdam naar Boston, is alhier met schade aan het roer binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 maart. Vrachten. Onze markt bleef sedert het laatste bericht in dezelfde treurige toestand. Het getal onbevrachte schepen werd weer met enige vermeerderd, doch is er geen product verkrijgbaar. Kustvrachten zijn op het ogenblik evenmin in de markt en bestaat de enige aangeboden tussenvracht in het halen van rijst van Saigon, doch zijn de koersen van dien aard, dat gezagvoerders nog niet tot aannemen kunnen besluiten. Het departement van marine hield de 28e februari een inschrijving voor de overvoer van steenkolen van Onrust naar Telok Betong en van Banjermassin naar Ambon en Tontoli, welke afliep als volgt: Van Onrust naar Telok Betong (Lampongs): De Nederlandse HENDRIKA NLG 17,96, de Nederlandse NEREUS NLG 11,85, B.J. Schipper (Soerabaja) NLG 14, ARABIER (Batavia) NLG 11,84, P. Landberg & Zoon NLG 13,75, alles per ton en werd het vervoer aan laatstgenoemde gegund.
De 9e dezer vroeg hetzelfde lichaam weer ruimte voor 400 ton steenkolen van Soerabaja naar Tontoli en boden: De Nederlandse GESIENA MARIA NLG 19,94, de Nederlandse NEREUS NLG 17,84, ARABIER (Soerabaja) NLG 19,50 en B.J. Schippers (Soerabaja) NLG 16 aan wie de overvoer werd gegund. Naar Het Kanaal en Australië hadden een paar afdoeningen plaats tot geheime vrachten. Stoomboten hebben moeite het nodige zwaar goed machtig te worden. De laatste afdoeningen zijn naar Nederland NLG 75 à NLG 80 voor tabak, NLG 117½ voor kapok, NLG 70 voor koffie, NLG 115 voor huiden, NLG 80 voor thee naar Rotterdam; NLG 50 voor particulier tin, NLG 70 à NLG 80 voor koffie, NLG 80 voor tabak, NLG 120 voor indigo, NLG 80 à NLG 90 voor thee naar Nieuwediep.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 14 april. Heden arriveerde hier het nieuw gebouwd galjootschip BETTINA, kapt. J.G. Leffers, groot 74 ton, gebouwd bij Meihuizen & Zoon, beide te Wildervank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 14 april. Scheepsvrachten. Sedert dinsdag ll. kwamen er nog een paar bevrachtingen tot stand voor het kanaal van Bristol en besteedde men voor klein charter 20 sh. en voor groot charter 18 sh. per 10 qrs. haver met gratificatie. Voor een hier verwacht wordend schip werd bedongen 20 sh. naar het Bristol kanaal, 17 sh. naar het Engels kanaal, 15/6 naar Londen of de Oostkust, 12/6 naar kolenhavens aan de Oostkust, of Ffrs. 19 voor de Franse voorhavens.


  JB - Javabode

Verslag van de Nederlandsch Indische Droogdok Maatschappij.
Het kleine dok SOERABAIA, dat door de aannemers tot bespoediging der exploitatie “zeilende” zou worden uitgezonden, werd reeds in juni 1874 te water gelaten en lag in oktober d.a.v. op de Clyde zeilree. Tijdens het dok daar lag, ontstond de bekende in Engeland geheerst hebbende storm; de SOERABAIA werd, zoals u bekend is door een ander schip aangevaren, was genoodzaakt de kettingen te laten slippen en dreef, aan weer en wind overgelaten, op strand; geheel ontredderd en bijna een wrak gelijk, lag het daar.
Door de buitengewoon hechte samenstelling van het casco gelukte het aan assuradeuren hetzelve weder te doen afbrengen en, hoewel met grote kosten, te repareren; zodat het eindelijk in de maand juli des vorigen jaars onder bevel van de Nederlandse gezagvoerder A.H. Zwaneveld en met een Nederlandse equipage aan boord zee koos. In de maand december jl. bereikte het Rio Janeiro na een zo niet voorspoedige dan toch behouden reis, die, nadat men water en provisie had ingenomen, weder werd voortgezet.
De ramp op de Clyde is zeer zeker een financieel nadeel voor onze Maatschappij, omdat daardoor de exploitatie van het kleine dok vertraagd is; maar de kosten van reparatie en wederuitrusting werden geheel door assuradeuren en aannemers gedragen.
Het grote dok werd in Glasgow in elkander gezet, weder uit elkander genomen en bij gedeelten verscheept. Met de aanbouw daarvan op het eiland Amsterdam is de medecontractant en bouwmeester, de heer Donald, die zelf aldaar woonachtig is, zover gevorderd, dat het binnenkort te water zal gelaten worden.
Met genoegen mogen wij er op wijzen, dat blijkens de rapporten van onze technische consulent, de hoofd-ingenieur der Marine Dr. B.J. Tideman, alhier, en van onze directeur in Indië, door de aannemers zodanige uitvoering aan het contract wordt gegeven, dat er voor de Maatschappij geen reden tot ontevredenheid bestaat.
Het materieel voor de Etablissementen is successievelijk verscheept, de etablissementen op het eiland Amsterdam naderen spoedig hun voltooiing.
De sleepboot AMSTERDAM bewijst reeds sedert ruim één jaar goede dienst en heeft, dankzij de activiteit van onze directeur, reeds belangrijke voordelen afgeworpen.
Steenkolen Depots. Bij dit onderwerp, de eigenlijke aanleiding tot onze mededeling, wensen wij enigszins langer stil te staan, omdat het in de laatste maanden stof heeft gegeven tot voortdurende en nauwgezette overweging, waarvan wij u gaarne de slotsom willen mededelen.
Het betreft namelijk de verhuring van pakhuizen en steenkolenloodsen op het eiland Amsterdam, die tijdens de oprichting onzer Maatschappij als nevenbron van inkomsten werd beschouwd, maar die de ondervinding ons heeft doen kennen als zeer belangrijke baten voor onze Maatschappij te kunnen opleveren. Reeds werd een lading steenkolen, direct uit Europa op het eiland Amsterdam aangevoerd, in onze depots opgeslagen, welke opslag een belangrijk voordeel heeft afgeworpen, en zou deze lading ongetwijfeld door meerdere zijn gevolgd geworden, indien niet de hoge tarieven van de bestaande prauwenveren voor het vervoer naar boord der stoomschepen ter rede van Batavia, - voor zoverre die niet aan het eiland behoeven te dokken of te repareren, - en de onzekerheid om ten allen tijde de nodige prauwenruimte te kunnen bekomen, zovele bezwaren voor de handel waren, dat onmogelijk van onze inrichtingen het gewenste gebruik kan gemaakt worden.
Wil de handel in staat zijn zich van onze inrichtingen met vrucht te bedienen en onze Maatschappij daarvan blijvend de voordelen genieten, dan dient een regelmatig verkeer tussen de eilanden en de rede van Batavia door middel van een goede prauwendienst verzekerd te worden; alléén dáárdoor kan goedkopere en zekere bediening worden verkregen, terwijl het steeds gereed zijn van onze sleepboot AMSTERDAM ook de snelheid van het vervoer waarborgt.
Ongetwijfeld zal de handel, wanneer een regelmatig verkeer tussen de eilanden en de rede van Batavia bestaat, het eiland Amsterdam bij voorkeur bezigen tot opslag en depot van steenkolen; maar daartoe is de oprichting van een goed ingericht prauwenveer een onmisbaar vereiste.
Men versta ons wel: wij beogen niet de oprichting van een nieuw prauwenveer, om met de bestaanden te concurreren, al moge dit nog zo winstgevend zijn (1), neen onze bedoeling is om enige prauwen te exploiteren speciaal ten behoeve van het vervoer van steenkolen, goederen en ballast tussen het eiland Amsterdam en de rede van Batavia, en die prauwen alleen dan te verhuren tot andere doeleinden, voor zoverre zijn niet kunnen gebruikt worden voor bovengenoemd vervoer.
Wij stellen ons voor, dat de aanbouw van plm. 240 kojang prauwruimte in de behoeften van bovengenoemd vervoer zal kunnen voorzien, en daartoe is een kapitaal van NLG 60.000,- toereikend.
Wij hadden gewenst deze som van het bedrijfskapitaal onzer Maatschappij te kunnen afzonderen, maar de voorzichtigheid gebiedt ons dat kapitaal niet te verminderen, vermist het bij de ophanden zijnde exploitatie der dokken van het grootste belang is om onze magazijnen ruim te kunnen voorzien van materialen, benodigd tot de reparatie van schepen. Wij achten het tevens ontijdig om uw toestemming te vragen tot uitbreiding van ons maatschappelijk kapitaal, dewijl de dokken, wegens oorzaken, onafhankelijk van onze wil, nog niet in exploitatie zijn gekomen.
Op grond van een en ander wensen wij de oprichting van een Naamloze Vennootschap, onder de naam van “Prauw-Maatschappij van het Eiland Amsterdam” met het doel om een aantal prauwen te doen bouwen en die door de Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij te doen beheren, onder toezicht van zes commissarissen, waarvan drie te benoemen door de Aandeelhouders der Prauw-Maatschappij hier te lande en drie door Commissarissen der Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij in Indië, uit hun midden aan te wijzen, zodat de onderneming afgescheiden zal blijven van de Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij en haar dus in generlei opzicht kan prejudicieren.
De overweging dat alle aandeelhouders onzer Maatschappij evenzeer het recht hebben om zich in deze naar onze mening zeer voordelige geldbelegging te interesseren, heeft ons doen besluiten, niettegenstaande het betrekkelijk gering kapitaal van NLG 60.000,-, u in deze zaak te kennen, en u tot medewerking uit te nodigen, in de hoop hetzelfde vertrouwen te mogen ondervinden, als ons bij de oprichting der Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij ten deel viel.
Ten opzichte van de rentabiliteit dezer onderneming,verwijzen wij u ten overvloede naar de hierachter gevoegde globale begroting van inkomsten en uitgaven; blijkens die begroting zal de Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij voor haar beheer over de prauwen slechts genieten: een aandeel in de winst, na aftrek van een dividend van 6 procent over het kapitaal, aan H.H. aandeelhouders, en van 5 procent tot reservefonds, hetzij tot amortisatie van het kapitaal of tot vernieuwing van materieel.
Wij hebben gemeend dat de Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij het beheer over de prauwen tegen genoemde betrekkelijk geringe vergoeding kan voeren, uithoofde van de belangrijke indirecte voordelen, die middels deze Prauw-Maatschappij door haar zullen verkregen worden; maar wij wensen u er tevens op te wijzen, dat die geringe kosten van beheer des te betere kansen geven aan aandeelhouders op een goed dividend, zonder nochtans de waarborg van een goed beheer te verliezen; immers de Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij heeft het grootste belang bij de bloei en het voortbestaan van haar Zusteronderneming – deze Prauw-Maatschappij.
Naar aanleiding van het vorenstaande geven wij ons de eer u tot deelname in deze onderneming uit te nodigen, en u te verzoeken nevensgaand biljet ingevuld in te zenden vóór of op de 15de maart e.k. ten kantore der Nederlandsch-Indische Droogdok-Maatschappij, Korte Prinsengracht, TT 23 alhier.
(1) Het dividend van het Bataviaasch Prauwenveer bedroeg over het jaar 1874 22½ %.


16 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 14 april. Op het schip WEBFOOT, kapt. French, van Batavia hier op de rede gekomen, en door het breken van zijn ankerketting op de Zuidwal gedreven, schijnt na behouden reis en op de plaats zijder bestemming wel een zeker noodlot te rusten. Zodra de ankerketting brak, seinde de gezagvoerder om de sleepboot; toen deze in allerijl kwam opstomen, werd de assistentie van die boot om onbekende redenen geweigerd, hoezeer menigeen van gevoelen was, dat het schip gemakkelijk in de haven was te brengen geweest. Na tweemalen daarna braken andere ankerkettingen, en het schip hoog op de wal en werkte geweldig, zodat het spoedig lek werd. Toen werd er door inmiddels hierheen gekomen assuradeurs last gegeven, om met het lossen in schuiten te beginnen. Door het lossen van een groot deel der lading gelukte het om het schip heden ochtend met de sleepboot in de haven te brengen. Maar nog was het einde der rampen niet voorbij. Na gedurende de ganse ochtend veilig in de haven aan de wal te hebben gelegen, ontstond er op het onverwachts een geroep langs de haven: ‘De WEBFOOT staat in brand!’ Van alle zijden sloeg een dikke rookwalm uit het schip. IJlings werden er door de directeur en commandant der Marine maatregelen genomen om de brand zo mogelijk meester te worden. Verschillende brandspuiten werden op vlotten aangevoerd om te blussen. Janmaat toonde zich bij die gelegenheid weer even ijverig en onverschrokken als altijd. Reeds was het plan gemaakt om het brandende schip naar de reede te slepen, om gevaar voor de andere schepen in de haven te voorkomen, maar gelukkig wist men door vereende en doelmatige pogingen de voortgang van de brand te stuiten.
Enkele spuiten van de Marine blijven nog de wacht houden. Alles wat nog van de lading in het schip was is zeker totaal beschadigd. Omtrent het zo plotseling ontstaan van de brand is men nog in het onzekere.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Memel, 13 april. Het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Klerk, van Hamburg met guano naar Memel, is bij Sarhan, district Koningsbergen, gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 13 april. Het schip JUIKO VAN DEEN, kapt. Havenga, van Antwerpen naar Vera Cruz, heeft bij Beachyhead twee zeilen en de kluiverboom verloren en is alhier binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 15 april. Volgens uit Soerabaya ontvangen bericht is het wrak van het in Straat Bali gestrande Nederlandse schip ARIA EN BETSY, kapt. Sorgdrager, met inhebbende lading de 3e maart te Soerabaya publiek verkocht voor NLG 480, terwijl het schip nog dienzelfde dag in de diepte verdween.


17 april 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 11 april. Scheepsvrachten. Bewilligd werd naar de Firth of Forth Sh.1/6, Dundee Sh. 1/9, Londonderry Sh.2/6, Dublin Sh.2/3 per 500 Engelse pond tarwe per stoomschip. Naar Amsterdam NLG 18,50 per last tarwe.


18 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 15 april. In de avond van de 14e dezer, tussen 9 en 12 ure, bij kalm weder is de stoomboot KOOPHANDEL, varende van Harlingen op Terschelling over Vlieland langs de Vlierede v.v., in de Vliesloot verongelukt. Door de lage waterstand aan de grond geraakt, werd zij met de vloed vlot komende door de felle stroom wat neergezet, stootte daardoor op het wrak van het Engelse stoomschip HAWK en liep onmiddellijk vol water. De opvarenden zijn met de vlet aan wal gekomen. De tuigage is grotendeels geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden de 10e april 1876, ten verzoeke van Neeltje van der Marel, zonder beroep, wonende te Maassluis, huisvrouw van Abraham Dorsman, heb ik, Johannes Brakkee, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, voor de eerste maal gedagvaard Abraham Dorsman voornoemd, stuurman, laatst gewoond hebbende te Maassluis, om op maandag de 19e juni 1876 te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondcissements Rechtbank te Rotterdam:
- aangezien de eiseres met de gedaagde de 10e oktober 1867 te Maassluis is gehuwd.
- aangezien de gedaagde als stuurman aan boord van het te Maassluis te huis behorende Nederlandse schoenerschip ALERT, gezagvoerder A. Bot, in het jaar 1872 van Rotterdam naar Lissabon is vertrokken.
- aangezien volgens het laatste bericht gemeld schip d.d. 21 april 1872 van Lissabon is uitgezeild met bestemming naar Nederland, doch daarna noch bij de rederij, noch bij iemand anders iets meer van schip of bemanning is vernomen, zodat moet worden aangenomen dat het in een kort na het vertrek van Lissabon gewoed hebbende storm met man en muis is vergaan.
- aangezien de eiseres belang heeft bij een verklaring van vermoedelijk overlijden om een ander huwelijk aan te gaan.
Mitsdien aan gemelde rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken.
J. Brakkee, deurwaarder (opm: bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Duinkerken, 14 april. De driemastschoener PSYCHE, kapt. Boote, liep bij het vertrek van hier op het stoomschip PRINS VAN ORANJE, hetwelk langs zijde van de Engelse kade gemeerd lag en veroorzaakte belangrijke schade, niet alleen aan dat stoomschip, maar ook aan de sleepboot MARINE, die binnen de PRINS VAN ORANJE lag. Op de PSYCHE is beslag gelegd om betaling van de veroorzaakte schade.


19 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Ellewoutsdijk. D.J. Scholten, notaris te Ellewoutsdijk, zal ten verzoeke van de heer Joseph Robertson, op maandag de 24e april 1876, des middags om 12 uur, precies, ter plaatse van de stranding te Ellewoutsdijk, tegen contante betaling in het openbaar te koop aanbieden het bij Ellewoutsdijk gestrande Britse barkschip CATHARINA, groot 836 Engelse tonnen, met deszelfs staand en lopend want, kettingwerk, blokken, touwen, zeilen, boten en verdere inventaris en scheepsprovisie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 april. De werkstaking van de scheepstimmerlieden is ook heden niet geëindigd, tot groot ongerief en schade van sommige bouwmeesters, vooral van hen die aan termijnen van oplevering gebonden zijn. Verscheiden werkstakers hebben elders werk gezocht en gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buitenpost, 18 april. Heden werden hier door 30 heren uit Friesland en Groningen, als oprichters van de naamloze vennootschap De Noord-Nederlandsche Stoomvaart -Maatschappij, de concept statuten definitief gearresteerd. Er bestaat gegronde hoop dat het maatschappelijk kapitaal, zijnde 12 ton, weldra voltekend zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 17 april. Het schip CATHARINA, kapt. Koops, van Bremen met rijstmeel naar Amsterdam, is op Ameland gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 15 april. Het wrak, provisie en inventaris van het bij New Romney gestrande Nederlandse schip TOBINA, kapt. Wortelboer, worden 17 dezer in publieke veiling verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 14 april. In de afgelopen nacht is bij de NO buitenlichttoren van dit eiland, gestrand het Noord Duits galjootschip ELISABETH, kapt. Eckhoff, geladen met steenkool, thuis behorende te Jheringsveen bij Leer, komende van Newcastle, bestemd naar Leer. De 5 opvarenden zijn gered door de boot van de Noord en Zuid Hollandsche Reddingmaatschappij, schip en lading zijn vermoedelijk totaal verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen, 12 april. De Nederlandse kof GRIETJE, kapt. De Haan, van St. Davids naar Catingziel met kolen is alhier met verlies van een anker binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 april. Met het stoomschip DRAGÖR zijn opnieuw aangebracht 45 vaten olie uit het gestrande Nederlands schip JEANNETTE, kapt. Duiven, van Rotterdam naar Reval.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 8 april. Scheepsvrachten. Naar Hartlepool werd gedaan tot Sh.40-/ per standaard planken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Boeldag van sloophout op zaterdag de 29e april 1876, des namiddags te 2 uur, aan de dijk bij de Wierumerschouw onder Adorp van al het hout van drie grote gesloopte schepen, bestaande in eiken posten, dito planken, palen, damleggers, brandhout, enz.
J.J. Pettinga


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 18 april. De vraag naar scheepsruimte was heden zeer gering. Gedaan werd naar de Franse voorhavens tegen Ffrs.20 en 22.


20 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 april. Bij de Fabriek De Atlas alhier zal voor rekening van het departement van marine een gepantserd stoomriviervaartuig worden gebouwd. Naar wij vernemen, is ook bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen een bestelling voor een dergelijk vaartuig ontvangen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 18 april. Kapt. Sayers, voerende het (opm: Nederlandse) stoomschip ECHO, varende tussen Sunderland en Rotterdam, is een gouden medaille toegekend voor het redden van de equipage bestaande uit 13 personen, van het Zweedse barkschip OTTO, welk schip 8 december ll. op de Leman en Owers Bank verongelukt is. Een zilveren medaille en een sovereign is aan elk van de vijf zeelieden vereerd, die in de sloep geweest zijn om de equipage van de OTTO van boord te halen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 april. Het bij Tisvilde gestrande schip JEANNETTE, kapt. Duiven, is na genoegzaam de gehele lading, uit olie bestaande, gelost te hebben, vlot en alhier in de haven gekomen. De lading is hier per verschillende vissersloepen en per stoomboot aangebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het snelzeilende Engelse barkschip ELISABETH, 248 registerton, 440 ton deadweight, eikenhout, enz., gekoperd en kopervast, gebouwd in 1868, geclasseerd 3/3 A 1 1 Bureau Veritas. Nadere informatiën geven P. Varkevisser & Zonen, cargadoors te Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het Amerikaanse barkschip C.O. WHITMORE, gebouwd in 1868 te Bath [Maine], en gemeten op 894 ton register, ladende 1.350 ton deadweight, voor 2 jaar geleden nieuw gekoperd en thans geclassificeerd in Veritas 3/3 L 1 1 voor 5 jaar. Het schip ligt te Nieuwediep.
Voor nadere informatiën gelieve men zich te adresseren bij de cargadoor Ths. Breuker, alhier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 17 april. Aangaande het hier te huis behorende galjootschip VOORWAARTS, kapt. H.T. de Jonge, de 8e oktober des vorigen jaars van Delfzijl naar Osterrisoer vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoping op Schiermonnikoog. De notaris Van Leeuwen te Leeuwarden zal, ten verzoeke van de heer burgemeester van Schiermonnikoog, op dinsdag de 25e april 1876, dadelijk na de verkoop van tuigage enz. van het Noorse schoenerschip CATHARINA, in het openbaar, tegen gerede betaling, verkopen 20 stuks zeilen, 2 trossen, enig lopend touwwerk, anker, kettingwerk, enz., geborgen uit het op de 14e april 1876 aldaar gestrande Noord-Duitse galjootschip ELISABETH, kapt. R.G. Eckhoff.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 12 april. Vrachtbericht van Müller, Peters & Müller, scheepsmakelaars te Koningsbergen en Pillau.
Tot ons leedwezen kunnen wij nog altijd geen verbetering in onze vrachtprijzen melden; doch niettegenstaande er een groot getal schepen aankomt, behoeft er nog geen met ballast te vertrekken. Wij zoeken schepen van Londen naar Koningsbergen voor cement tot 7 Sh.; van de Firth of Forth naar hier voor kolen GBP 9.10 of GBP 9.15; idem voor koolteer 2 Sh. 3 p. per barrel; van Liverpool naar Pillau 9 Sh. en naar Koningsbergen 10 Sh. per ton zout; van Torravieja naar Pillau 12 Sh. à 13 Sh. per ton zout. Verder zoeken wij schepen voor: Kolenhavens 70, 80 à 90 tonnen hennep 20 Sh. per ton; Peterhead 31/2 d. per kub. voet billetwood; Londen (van Pillau) GBP 11 per mille pijpstaven; idem (van Pillau) 600 à 700 load wagenschot; Londen of Liverpool (van Pillau) idem; Maas NLG 12 per last delen; Delfzijl NLG 27 per tult Noorse kapbalen; Eemshavens Rm. 21, Brake Rm. 20, Bremen Rm. 22 en Oldenburg Rm. 24, per last delen; Eemshavens 23 - 24 per 2.260 kilo rogge; stad Bremen Rm. 25 - 26 per 2.150 kilo dito; Oost-Noorwegen Rm. 23 per 2.500 kilo dito; Drontheim Rm. 27 per 2.500 dito; Kiel 24 pfennige per kub. voet balken van 25 voet lang, met delen tot 2 Sh. 3 p. vracht.


21 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit een rapport van kapt. Fabritius, gedagtekend uit Suez van 9 april, blijkt dat het stoomschip PRINSES AMALIA, de 7e april om 2 uur 50m. van Suez vertrok, met bestemming naar Padang en Batavia. Alles was in de beste staat, en de machine werkte zacht en regelmatig met 58 slagen in de minuut.
Om 6 uur 40 m. namiddags, bij de vuurtoren van Zafarana, ondervond de machine avarij, tengevolge van het breken van de krukas, waardoor schade ontstond aan de condensor enz.
Het schip kwam ten anker in 34 vadem water. De gezagvoerder zond een sloep aan wal, om bericht te geven naar Suez. Dit bericht werd van de vuurtoren met een bode per kameel verzonden, daar er geen telegrafische gemeenschap met Suez was.
’s Ochtends van 8 april passeerde de Engelse mailboot, naar Aden bestemd, aan welke de mail werd medegegeven voor Batavia, enz.
Iets later kwam de stoomboot MANDALAY voorbij, naar Suez bestemd, die de PRINSES AMALIA om 12 uur ’s middags op sleeptouw nam en om 8 uur 45 m. op de reede van Suez bracht. De betaling van de sleepboot zal worden geregeld tussen de rederijen.
Aan boord van de PRINSES AMALIA was alles wel.
Later ontvangen telegrammen melden, dat expertises over de machine worden gehouden, ten einde te beoordelen of zij te Suez dan wel elders moet gerepareerd worden, en dat de passagiers de reis met andere gelegenheden voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 april. De werkstaking van de scheepstimmerlieden is hedenochtend geëindigd, zonder dat het doel is bereikt geworden. Hun vereniging De Eendracht, die dikwijls van een krachtige organisatie blijken gaf, heeft ditmaal niet aan haar naam beantwoord, waaruit zou kunnen worden afgeleid dat het door velen niet opgevolgde besluit tot werkstaking, op zaterdagavond genomen, niet op degelijke gronden of genoegzame instemming rustte. De scheepsbouwmeesters die sedert enige tijd mede een vereniging gevormd hebben, konden thans krachtiger weerstand bieden dan vroeger en betalen nu, overeenkomstig hun genomen besluit 22 cent per uur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Pekela, 15 april. Heden is alhier van de werf van de scheepsbouwmeesters J.& H. Nijhuis te water gelaten het kofschip TRIENTJE, groot plm. 75 tonnen, bevaren zullende worden door kapt. J.H. Tonkens, van Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 april. Naar wij vernemen is in een buitengewone vergadering van de Vereeniging van Handelaren, dezer dagen gehouden, besloten het initiatief te nemen tot het oprichten ener stoombootmaatschappij Groningen - Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Eergisteren is te Buitenpost de vergadering gehouden van oprichters van een Noord-Nederlandsche Stoomvaart-Maatschappij en is die maatschappij geconstitueerd, door goedkeuring van de statuten. Van de zes en dertig heren waren er dertig opgekomen; de anderen waren om verschillende reden verhinderd. Er is besloten om als doel van de vereniging te stellen:
Het uitoefenen van de stoomvaart tussen havens in de provincies Friesland en Groningen en buitenlandse havens, vooreerst door het in de vaart brengen van twee snelvarende boten van weinig diepgang en met grote laadruimte, tussen Harlingen en Londen. Het daartoe benodigde kapitaal, waarvoor de inschrijvingen zullen worden opengesteld door een eerlang te benoemen raad van bestuur, is bepaald op NLG 1.200.000; eerst nadat dit bedrag zal zijn volgetekend, wordt de koninklijke goedkeuring van de statuten aangevraagd. De vergadering werd gepresideerd door de heer mr. W.A. Bergsma, burgemeester van Menaldumadeel en lid van de tweede kamer der staten-generaal, en de bijeenkomst kenmerkte zich door de meest gewenste eenstemmigheid, wat betreft het bereiken van de voorgestelde bedoelingen. Aan het einde van de vergadering werd aan de vergaderde heren een afschrift verstrekt van een lijst van de hypotheken, genomen op de verschillende boten van de Engelse maatschappij, die tegenwoordig de stoomvaart op Londen drijft en zulks als antwoord op de brochure, door de heren agenten van die Engelse maatschappij dezer dagen verzonden aan de leden van de Maatschappij van Landbouw in deze provincie.
Oprichters van de Noord-Nederlandsche Stoomvaart-Maatschappij zijn de heren Mr. B. van Roijen, Groningen; jhr. mr. J.H.F.K. van Swinderen, Rijs; jhr. mr. I.F. van Humalda van Eijsinga, Leeuwarden; mr. W.A. Bergsma, Dronrijp; I.N. Witteveen, Leeuwarden; mr. C.W.A. Buma, idem; W.H.F. baron van Heemstra, Harlingen; mr. D. de Blocq Scheltinga, Heerenveen; jhr. mr. W.C.A. Alberda van Ekenstein, Groningen; mr. D. de Ruijter Zijlker, Winschoten; W.A. Scholten, Groningen; J.H. Roemeling, Finsterwolde; F.J. Zijlker, Zuidbroek; jhr. mr. C. van Eisinga, Leeuwarden; P. Lycklama à Nyeholt, Franeker; jhr. mr. A.E. van Boelens van Eijsinga, Leeuwarden; H.L. baron van Heemstra, Veenklooster; J. Schepel, Winsum; mr. B.Ph. baron van Harinxma thoe Slooten, Beesterzwaag; G. Valckenier, Harlingen; jhr. H.A.Jz. van Sminia, Oudkerk; mr. A.L. IJpeij, Rijperkerk; jhr. mr. J.D. Lewe Quintus, Groningen; Fr. Lieftinck, Kimswerd; Schilthuis Tigler Wijbrandi & Co., Leeuwarden; jhr. mr. F.J.J. van Eijsinga; jhr. mr. J. AE. A. van Panhuijs, Bergum; C. Reinders, Warffum; K.O. Ebbens, Nieuw Beerta; S. Hingst, Harlingen; H. Pasma Sr., Nijehaske; P. Walma, Oppenhuizen; A.H. Hettema, Goënga; C. van der Zee, Witmarsum; R.H. Sijsling, Tjerkwerd; D.R. Mansholt, Meeden; S.J. Jensma, Holwerd; R. Fockema, Anjum; mr. W.J. van Welderen baron Rengers, Leeuwarden; H.D.F. Sixma baron van Heemstra, idem; J.J. Kuipers, idem; mr. G. van Wageningen, idem; Jb. Kuipers, Buitenpost; jhr. mr. P.J. van Swinderen, Groningen; mr. Hor. Alberda, Leeuwarden; U. Rijpma, Pingjum; jhr. mr. F.A.E.J. van Eisinga, Leeuwarden; Gebr. Scheuer, Harlingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 16 april. Nadat door de bergingsstoomboten DRAGÖR en DROGDEN en een aantal vissersvaartuigen eergisteren en gisteren nog 194 vaten olie waren aangebracht uit de lading van de bij Tisvilde gestrande schoener JEANNETTE, kapt. P.K. Duiven, zodat nog slecht 9 vaten in het ruim waren achtergebleven, is gemeld schip heden weer af- en hier binnengebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New York, 6 april. Het verlaten barkschip AEGIDIA EN PAULINE, gevoerd geweest door kapt. Renning, werd 27 maart vier Engelse mijlen ten N.N.O. van het Jaruco rif aangetroffen, plat op zijde liggende, met de masten te water; een van de stengen was afgebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 12 april. Gesloten werd naar Gent Bfrs.42 per ingenomen last vlas, naar Honfleur Ffrs 63 en 5 % per standaard planken.


22 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Op de publieke verkoping, gehouden op vrijdag 21 april in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam werd een aandeel in de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij te Rotterdam, 2e serie, groot NLG 1.000, volgefourneerd, voor 30⅜ % verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 12 april. De lading van het alhier gestrande schip CATHARINA, kapt. Koops, van Bremen naar Amsterdam, is in beschadigde staat geborgen. Ook de inventaris is aan land gebracht. Het schip zit vol water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dungeness, 19 april. Door de kustwachters zijn vier balen tabak opgevist, gemerkt M.A., waarschijnlijk afkomstig van het bij Hastings gezonken Nederlands stoomschip VESUVIUS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 april. De Nederlandse bark DRIE GEZUSTERS, kapt. De Boer, van Amsterdam naar Riga, is met verlies van anker en ketting alhier binnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 21 april. Scheepsvrachten. Er kwamen enige bevrachtingen tot stand. Gedaan werd naar het kanaal van Bristol tegen Sh.18/- voor groot en Sh.21/- voor klein charter.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

New York, 6 april. Het Nederlandse schip FRITS, kapt. H. Izaaksen, van New Orleans met katoen naar Havre, is met ingestoten boeg en 7 voet water in het ruim door het stoomschip DICTATOR te Brunswick G. binnengesleept.


23 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 april. Heden is op de werf van de heren Walker, Stronck & Van Delden, aan de linker Maasoever alhier, de kiel gelegd voor een schroefsleepboot, voor rekening van de Rotterdamsche Handelsvereeniging alhier. De machines worden door dezelfde firma vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 20 april. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefsleepstoomboot NIJMEGENSCHE SLEEPDIENST V, gebouwd voor rekening van de heer Van den Bout, te Nijmegen. De machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heren W. de Bruyn c.s. te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 april. Volgens bericht uit Koningsbergen strandde in de nacht van 12 op 13 april op een mijl afstand van Sarkau (opm: het huidige Lesnoi, Kaliningrad; pos. 55º01’ NB 20º37’ OL), het Nederlands schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Klerk, van Hamburg naar Memel. De equipage bestond uit een huisgezin van 10 personen, waaronder een 70 jarige. Zes personen heeft men verkleumd en dood op het vaartuig gevonden, een meisje en 2 jonge lieden zijn in het leven gebleven. Van de stuurman, die over boord is gesprongen, heeft men niets vernomen. (Zie onze scheepstijding van 16 april onder Memel).
Sarkau, Oost Pruissen


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 19 april. De Nederlandse bark AERT EN CORNELIA, kapt. Krijnen, van Nieuwediep naar Riga, alhier binnen, heeft bij Falsterbo beide ankers en kettingen verloren en is er hier weer van voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 19 april. De schoener IDA, kapt. Marohn, van Stettin naar Harlingen, die beide ankers had verloren, heeft een met 70 vadem ketting weer laten opvissen en een ander met 90 vadem ketting aangekocht. Is heden vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 22 april. Heden werd van het etablissement Fop Smit, scheepsbouwmeester L. Smit & Zoon, met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren clipper-fregatschip BATAVIER, groot 1.616 registerton. Genoemd schip is gebouwd voor rekening van de heer L. Smit en zal gevoerd worden door kapt. W. Maasdijk.


24 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 22 april. Van de werf, toebehorende aan de heer Joost Pot, is heden met goed gevolg te water gelaten het loggerschip genaamd NIEUWE MAAS II, zullende gevoerd worden door stuurman H. Struys, bestemd voor de haring- en kabeljauwvisserij voor rekening ener rederij onder directie van de bouwmeester, en onmiddellijk daarna de kiel opgehaald van een dergelijk vaartuig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 maart. Vrachten. Onze markt blijft uiterst gedrukt en is er voor zeilschepen bijna geen lading. Slechts kan het volgende opgegeven worden: de Nederlandse URANIA, naar Amsterdam, NLG 50 voor suiker, NLG 90 voor arak, NLG 45 voor gum-damar en peper, NLG 25 voor factorij tin, NLG 40 voor tabak, hier en op de kust te laden.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, NEREUS, ALBLASSERWAARD, CORNELIS, WERNARD EDUARD, PROFESSOR V.D. BOON MESCH, GRAAFSTROOM, EMMA, WIJK AAN ZEE en NICOLAAS WITSEN.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

In een in de vorige week te dezer stede (opm: Groningen) gehouden vergadering van de aandeelhouders der Groninger Stoomboot Maatschappij (opm: Lemmerboot) werd medegedeeld, dat de aandeelhouders over 1875 per aandeel van NLG 100 een dividend kon worden uitgekeerd van NLG 20,50. In diezelfde vergadering werd voorgesteld een tweede zeeboot van de Lemmer op Amsterdam in de vaart te brengen, welk voorstel is aangenomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ameland, 18 april. De lading van het hier gestrande schip CATHARINA, kapt. Koops, van Bremen naar Amsterdam, is in beschadigde staat geborgen, Ook de inventaris is aan land gebracht. Het schip zit vol water.


25 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sappemeer, 19 april. Heden zijn van de werf van de scheepsbouwmeester J. Berg Jzn. te water gelaten de tjalkschepen HENDERICUS, groot 117 ton en CATHARINA HENDRIKA, groot ruim 80 ton, voor rekening van A. Pinkster te Oude Pekela.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Als zeker kunnen wij mededelen dat de heropening van de stoombootdienst Vlissingen – Queenborough bepaald blijft op 15 mei a.s.
De heer J.W. Wilkens, tot heden gezagvoerder bij de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, is benoemd tot inspecteur van de Stoomvaart Maatschappij Zeeland, ter vervanging van de afgetreden heer Halverhout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Danzig, 15 april. Houtvrachten. De bevrachtingszaken bleven in de laatste tijd in een buitengewoon flauwe stemming. Ladingen komen weinig aan de markt en daar het aanbod van hier en elders liggende disponibele ruimte de geringe vraag verre overtreft, is dit niet zonder invloed op de koersen. Bewilligd werd o.a. naar Antwerpen NLG 15 voor grenen delen, Groningen NLG 16 voor grenen, NLG 18 voor eiken balken.
Graanvrachten. De vraag naar stoombootruimte is zeer gering, doch naar zeilschepen wordt ze iets beter; de koersen blijven echter nog gedrukt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 10 april. Gesloten is naar Havre de Grace Ffrs.63 en 5%, naar West Hartlepool Sh.40/- beide per standaard planken; naar Bergen NLG 20 en 15% per last hennep, naar Harlingen 20 c. voor Hollandse kapbalken.


26 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 april. Aangaande de stranding van het schip CATHARINA, kapt. Koops, van Bremen herwaarts, wordt uit Ameland nader gemeld, dat de equipage, na 5 uur in doodsgevaar te hebben verkeerd, door het inklaringsvaartuig is gered, aangezien de aldaar gestationeerde reddingboot niet kwam opdagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 24 april. Het barkschip HENDRIKA ROOSENBEEK, kapt. Medoc, van hier naar Kroonstad met steenkolen, is lek teruggekeerd en zal moeten lossen om te repareren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Katerveer, 24 april. Het kofschip EERSTELING, kapt. Steffens, is langs de Nieuwe Waterweg alhier binnen gekomen om een lading beenderen in te nemen, bestemd voor Newburgh in Schotland.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 april. Bij flinke aanvoer van granen was de vraag naar scheepsruimte levendiger. Gedaan werd naar Londen of de Oostkust tegen Sh.15, 16 en 16/6 per 10 quarters haver, en voor het kanaal van Bristol tegen Sh.21, alles met gratificatie.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zuidbroek, 24 april. Van de kof VRIENDSCHAP, kapt. H.D. Uchtman, de 9e oktober des vorigen jaars van Harlingen naar Noorwegen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 24 april. Eergisteren werd aan de scheepswerf van de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen met goed gevolg te water gelaten de vijfde aan genoemde inrichting ten behoeve van het departement van marine aangebouwdde stoom-kanonneerboot, genaamd DAS.


27 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 25 april. De Engelse schoener HEBER en de Nederlandse kof KLAZINA zijn bij het naar zee gaan alhier in de haven in aanvaring geweest. De HEBER bekwam aanzienlijke schade aan de bakboords boeg, beide vaartuigen zijn in de haven blijven liggen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Winschoten, 25 april. Volgens gisteren ontvangen telegram van kapt. G. Eefting, gezagvoerder van het hier te huis behorende schoenerschip MARIA REIFINA, is dit schip op reis van Leith naar Dantzig in de Noordzee gezonken, doch de equipage door een Amerikaans schip gered en te Kopenhagen aangebracht.
(opm: zie NRC 280476).


28 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 22 april. De Nederlandse bark RIGA, kapt. Jörgensen, alhier van Matanzas aangekomen, geraakte bij het binnenkomen van de haven aan de grond en kwam na een klein gedeelte van de lading in een lichter gelost te hebben, zonder enige schade vlot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 25 april. Het Nederlandse schip MARIA REIFINA, kapt. Eefting, van Leith naar Danzig, is in de Noordzee gezonken. De bemanning is door het Amerikaanse schip DIRIGO, van Java, opgenomen en alhier aangebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

New York, 12 april. Het Nederlandse schip FRITZ, kapt. Izaaksen, van New Orleans naar Havre, door het stoomschip DICTATOR te New Brunswick, G., binnengebracht, heeft volgens rapport van de kapitein 1 april op een stuk hout gestoten en daardoor een gat in de bodem bekomen, waardoor het schip zwaar lek werd en er onophoudelijk gepompt moest worden, zodat de equipage geheel uitgeput was. De gezagvoerder van de DICTATOR plaatste een stuurman en zeven man op de FRITZ, die er in slaagden het schip lens te krijgen en te New Brunswick binnen te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 26 april. Het schip FRITZ, kapt. H. Izaaksen, van New Orleans naar Havre, vroeger gerapporteerd als met assistentie te Brunswick binnengebracht, werd de 3e april door het stoomschip DICTATOR ontdekt, toen het aan de grond zat op St. Simonsbaar in zinkende staat, met zeven voet water in het ruim en een gat in de boeg. De DICTATOR sleepte het schip af en bij het binnenslepen van de baar van Brunswick geraakte het weer in 18 voet water aan de grond. De sleeptrossen braken drie maal. De equipage van de FRITZ was uitgeput door vanaf de 1e april onophoudelijk te pompen, hebbende die dag het schip een gat in de boeg gekregen door tegen een stuk hout te zeilen. Zeven man van de equipage van het stoomschip werd tot assistentie aan boord van de FRITZ gezonden, die er in slaagden het schip boven water te houden, totdat het in Brunswick kon worden binnengesleept.


29 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Eerste oproeping. De rechthebbenden op het provenu van de verkoop van 40 breeltjes, 28 tonnen, 1 mast, 3 stengen, 3 ra’s, 4 gaffels, 6 binten, 9 planken, 2 bos hoepels, 1 ton harst, 2 geoliede dekkleden, 750 kilo ijzer, 1 sextant en 33 vrachten wrakhout, vermoedelijk afkomstig van de YOKOHAMA, alles aan de Hoek van Holland aangespoeld, worden bij deze opgeroepen zich, voorzien van bewijzen van eigendom, ten spoedigste ter reclame aan te melden bij de burgemeester strandvonder van ’s-Gravensande.
’s-Gravensande, 27 april 1876.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 28 april. Er was flinke vraag naar scheepsruimte en kwamen onderscheidene bevrachtingen tot stand, voor het kanaal van Bristol tegen Sh.21 en voor Londen of de Oostkust tegen Sh.16 per 10 quarters haver, alles met gratificatie.


30 april 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 29 april. Heden is op de werf toebehorende aan de scheepsbouwmeester W. van der Windt alhier de kiel gelegd voor een sloepschip voor rekening van de heer W. Hirschmann te Pernis, bestemd voor de beugvisserij, zullende gevoerd worden door de stuurman A. van der Steen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 28 april. Heden werd alhier aanbesteed het verbeteren van de buitenhaven geulen te Delfzijl. Laagste inschrijver was de heer H. Bos Hz. te Sliedrecht voor NLG 133.000. (De begroting was NLG 123.630). Het werk is gegund voor zoveel de provincie betreft.


01 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 29 april. Het comité van Lloyds bericht, dat door hen ontvangen is uit Batavia een wissel, groot GBP 8.560.18/8, zijnde het netto provenu der geborgen specie uit het door aanvaring met de ATJEH gezonken stoomschip WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN.


02 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 7 april. De Nederlandse oorlogstoomschepen ZILVEREN KRUIS, LEEUWARDEN, CORNELIS DIRKS en PRINSES MARIE, zijn de 13e maart alhier van een kruistocht terug gekeerd; de twee eerstgenoemden met schade door aanvaring.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het barkschip COPERNICUS, laatst gevoerd door kapt. H. Husselman, groot 392 gemeten lasten, met zeer complete goed onderhouden inventaris, voorhanden provisie, enz., liggende in de Scheepmakershaven en te bevragen bij de boekhouders E. Suermondt en Zoonen & Co., Rotterdam.


03 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Volgens een bij het Departement van Marine ontvangen telegram is Zr.Ms. schroefstoomschip HET LOO, onder bevel van de kapitein-luitenant ter zee E.L. Baron Van Heeckeren van Walien, komende van West Indië, de 1e dezer wegens stormweer te Rye (eiland Wight) binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Volgens heden ochtend bij de rederij ontvangen telegram van Soerabaija in dato 25 april was het barkschip ZEPHIR, kapt. Muysson, na een reis van 104 dagen te Makassar gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 30 april. Het Nederlandse brikschip HILLEGONDA, kapt. Hamstra, van Glasgow naar Santos met stukgoed, is alhier met gebroken kluiverboom, stampstok en voorsteng binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Great Yarmouth, 1 mei. De BIESBOSCH, kapt. Vogelzang, van Dordrecht naar de Tyne in ballast, is met assistentie in de haven gebracht met verlies van anker en gedeelte ketting.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 30 april. De Nederlandse schoener CONCORDIA, kapt. Bos, van Burntisland naar Riga, is alhier gepasseerd en heeft in de Noordzee een man van de equipage verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rye, 29 april. Het schip SYNE JACOBS, kapt. Blaupot, is van hier vertrokken na geëindigde reparaties.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alicante, 25 april. Het hoekerschip KOOPHANDEL EN ZEEVAART, kapt. Van der Kuil, is 20 april wegens ziekte van de gezagvoerder alhier binnengelopen en de 21e weer vertrokken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen op maandag 1 mei in de Brakke Grond: het tjalkschip DE JONGE JACOBUS, gevaren hebbende in de beurt tussen Amsterdam en Leiden, groot circa 50 tonnen. NLG 650, koper W. de Kort.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 2 mei. In bevrachtingen ging heden weinig om. Voor Engeland was in het geheel geen vraag. Voor de Franse voorhavens werden een tweetal schepen gecharterd tegen Ffrs. 20 per 30 hectoliter haver met Ffrs 25 gratificatie.


  JB - Javabode

Men schrijft ons uit Cheribon:
Onze plaats verheugt zich in een aangenaam vooruitzicht; de heer R. namelijk, expediteur te Batavia, heeft het goede voornemen opgevat een geregelde stoomvaart tussen Cheribon en Batavia te openen en de gemeenschap tussen die twee steden te onderhouden met de stomer BATAVIA, groot 206 tonnen, toebehorende aan het Tjunia-veer. Velen wensen die nieuwe onderneming van harte een goede uitslag toe, omdat zij op deze kustplaats geheel afhankelijk zijn van de agent der Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij en zijn ondergeschikte, over wier voorkomendheid en behulpzaamheide voortdurend klachten worden aangeheven, niet het minst door inlanders en andere vreemde Oosterlingen, die op een alles behalve minzame bejegening kunnen roemen, wanneer zij inlichtingen omtrent het lossen of laden van goederen wensen te verkrijgen. De belangen der jonge onderneming, die aller aanmoediging en medewerking verdient, zijn alhier toevetrouwd aan een oud en geacht ingezetene dezer plaats, die als agent optreedt en in tact, beleefdheid en ijver zeer zeker met zijn collega van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij kan wedijveren.


  JB - Javabode

Batavia, 2 mei. Het Franse stoomschip l’AVENIR, kapt. Bachelerie, is heden van hier naar Anjer vertrokken.


04 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bonny, 26 maart. De schoenerbrik FRANS, kapt. R.J. Pot, 19 maart van Opobo (opm: Nigeria) vertrokken met de loods aan boord, heeft op de baar gestoten en was de volgende dag geheel wrak. (opm: gebouwd in 1863 als VERTROUWEN)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 maart. Vrachten. Gedurende de laatste veertien dagen bleef de toestand van onze markt onveranderd. Product blijft schaars en schijnt de positie van de vreemde markten de exporteurs af te schrikken het weinige dat er nog disponibel is te verzenden. De vraag voor Saigon heeft geheel opgehouden; ook voor China is er niets in de markt. In kustvrachten daarentegen hadden drie afdoeningen plaats tot lage koersen. Naar Het Kanaal had een afdoening plaats tot GBP 2.5/- à 2.7.6 en naar Melbourne werd een klein scheepje tot GBP 1.5/- opgenomen. De laatste afdoeningen zijn: Naar Holland: De Nederlandse URANIA NLG 50 suiker, NLG 90 arak, NLG 45 gom damar en peper, NLG 25 factory tin, NLG 40 tabak, alhier en op de kust te laden naar Amsterdam; ALBLASSERWWARD NLG 50 suiker, uit de Oosthoek naar Amsterdam; de Nederlandse GESIENA MARIE accepteerde zout van Sumanap naar Tagal en Tandjong (nabij Tagal) tot NLG 15½ per koyang en de Nederlandse HENDRIKA werd tot gelijke koers bevracht voor zout van Sumanap naar Bantam en Telok-Betong.; de Nederlandse NEREUS accepteerde zout van Sumanap naar Samarang à NLG 12 per koyang.
Onbevrachte schepen op Java: De Nederlandse schepen UTRECHT, SALATIGA, JACOB ROGGEVEEN, CORNELIS WERNARD EDUARD, PROFFESSOR VAN DER BOON MESCH, GRAAFSTROOM, EMMA, WIJK AAN ZEE, NICOLAAS WITSEN, STAD MIDDELBURG, JOHANNA, ALBLASSERDAM.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 mei. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwd koftjalkschip CORNELIA, kapt. F. Lieffijn, groot 70 ton, gebouwd bij F. van der Werf, beide te Sappemeer.


  JB - Javabode

Batavia, 4 mei. In de morgen van de 1e juli 1875 stiet het schip STRATHMORE bij een der eilanden van de Crozet-groep en verging spoedig daarna. Van de 88 peronen, die aan boord waren, kwam de helft bij de schipbreuk om; 44 personen ontkwamen het gevaar van te verdrinken door, na gedurende vele uren in de masten verblijf te hebben gehouden en vervolgens in open boten van het wrak te zijn gestoten, op een der onbewoonde eilanden te landen. Gedurende zes maanden en 22 dagen leefden deze personen op dat onbewoonde eiland, zich voedende met zeevogels en eieren. Gedurende die tijd stierven vijf personen ten gevolge van uitputting en koude. Een Amerikaanse walvisvaarder ontdekte in januari laatstleden de ongelukkigen, die spoedig daarna gered waren.
De STRATHMORE was bestemd naar Otago in Nieuw Zeeland. (opm: sterk bekort)


05 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 mei. Naar wij vernemen, is het aan de directie van de Stoomvaart-Maatschappij Nederland gelukt een stoomschip, de LARRINGTON, juist te Port-Said aangekomen, voor Batavia, Samarang en Soerabaya te bevrachten, hetwelk waarschijnlijk de gehele lading van de PRINSES AMALIA zal kunnen overnemen. De lading voor Padang, benevens de monsters en zakjes zouden door kapt. Fabritius met het stoomschip DRENTHE of met de PRINS HENDRIK worden medegegeven. Een van de officieren van de PRINSES AMALIA zal als supercarga met de LARRINGTON medereizen, om voor de goede behandeling en accurate bestelling zorg te dragen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P. Reineke, W. Bakker Bz., Ed. C.A. Koli en A.D. Strumphler, makelaars, presenteren op maandag 29 mei e.k., des namiddags ten 3 ure, in het lokaal De Brakke Grond, in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het buitengewoon snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands fregatschip genaamd HONIGBIJ, laatst gevoerd door kapt. J. van Leeuwen. Volgens Nederlands meetbrief lang 46,20 meter, wijd 10,68 meter, hol 6,25 meter en alzo gemeten op 674,50 registertonnen. En dat verder met al zijn rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, breder bij inventaris vermeld. Het voorz. fregatschip ligt aan de werf Concordia, Oostenburgervoorstraat te Amsterdam.
Voor nader onderricht adressere men zich bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors de Wed. Jan van Wesel en Zn., Kalkmarkt U 8, Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Katerveer, 3 mei. Hedenmorgen is langs de Nieuwe Waterweg uitgezeild naar Schotland met een lading beenderen het galjootschip EERSTELING, kapt. Steffens.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 28 april. Kapt. Walle, voerende het schip ASTRACAN, rapporteert de 18e dezer op 57º10’ NB 05º57’ OL te hebben zien zinken het Nederlands schip MARIA REIFINA, gevoerd geweest door kapt. G. Eefting.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 26 april. Scheepsvrachten. Gesloten is: naar Harlingen 20 cent per oude Amsterdamse voet Hollandse balken en kapbalken, naar Duinkerken 4¼ cent per dito Hollandse roodhout balken, naar Gent Bfrs.42 per last vlas, naar Chatham Sh.32/6 per ton hennep, naar Bo’ness Sh.13/- per load vierkante sleepers, naar Stettin 8 thaler per 4.000 Engelse pond haver.


  JB - Javabode

Batavia, 5 mei. Het stoomschip BATAVIA, kapt. Mordhorst, is heden van hier naar Cheribon vertrokken.


06 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 25 maart. Het Nederlandse schip NICOLAAS ALBERT, kapt. D.D. de Jonge, is alhier bevracht naar Rotterdam; het Nederlandse schip HENDRIK, kapt. L. Delhaas, laadt te Ensenada gedroogd vlees voor Rio Janeiro; het Nederlandse schip AMERIKA, kapt. A. van der Gevel, gaat te Gualeguaychu voor Europa laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 11 april. Het schip A.& W.C., kapt. Goedkoop, 8 dezer alhier van Banjoewangie aangekomen, heeft 1 maart op 27˚ ZB 73˚ OL, een orkaan doorgestaan, waarin verscheidene zeilen verloren gingen, het schip gedurende enige uren plat op zijde werd geworpen en de lading overzeilde en zo zwaar werkte, dat het dek lek werd, zodat er vrees bestaat dat een groot gedeelte van de lading beschadigd zal zijn. Het schip maakte echter geen water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 mei. Het Nederlandse schip ANNA CECILIA, kapt. Gnodde, van Havre naar St. Petersburg, is wegens ziekte van de kapitein alhier op de rede gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin, 3 mei. Het schip ALBERTJE HESSELING, kapt. H. Tap, met steenkolen naar Stolpemünde bestemd, is nabij de Ostmole gestrand en vol water.
(opm: schip wordt hertuigd).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 3 mei. (per tel. van Penzance d.d. 4 mei). Het schip VERTROUWEN is alhier aangekomen; de kapitein is op de reis overleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Janeiro, 7 april. Het schip JOHANNA MARIA, kapt. Korff, van Gualeguaychu naar Falmouth, de 26e maart lek alhier aangekomen, is aan het lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Zaterdag de 20e mei 1876, des avonds te 7 uur, zal, ten huize van de kastelein IJ. Jansen, aan de Noorderhaven te Groningen, publiek worden verkocht een snel zeilend, goed onderhouden, hecht en sterk gebouwd hektjalkschip, groot 99 tonnen en zeer vlot gaande, het laatst gevaren hebbende in het beurtveer van hier op Amsterdam, met deszelfs complete inventaris, bestaande in: Zeilen, ankers, kettingen, trossen, zwaarden enz., benevens een beste boot met riemen, zoals het hier in de haven is liggende. Inmiddels uit de hand te koop.
Te bevragen bij de ondergetekende. A. Duiker, deurwaarder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop de fregatschepen:
- JASON, groot 488 gemeten lasten, laatst gevoerd door kapt. W.H. Rusman.
- TRITON, groot 397 gemeten lasten, laatst gevoerd door kapt. N.A. Oostrum.
- MEDEA, groot 398 gemeten lasten, laatst gevoerd door kapt. J.G. Nieuwkerk.
En het barkschip:
- AEOLUS, groot 364 gemeten lasten, laatst gevoerd door kapt. J.J. Verbeet.
Alle met zeer goed onderhouden inventarissen en voorhanden provisies, liggende de twee eerstgenoemde aan de werf Rotterdams Welvaren en de beide laatste in het Haringvliet te Rotterdam. Te bevragen bij de heren A. van Hoboken & Zonen in liquidatie, Wijnhaven, aldaar.
(opm: voor JASON zie NRC 250575)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 1 mei. Zeilscheepsvrachten stil; naar Leith Sh.4/9, Kolenhavens Sh.1/6, Londen en de Oostkust 2/- per quarter tarwe van 500 Engelse ponden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 29 april. Scheepsvrachten. Kleine schepen waren deze week meer gevraagd, die iets betere vrachten bedongen. Over het geheel is het echter in bevrachtingszaken nog altijd zeer flauw en van de in de laatste tijd aangekomen schepen zijn nog diverse onbevracht. Bewilligd werd voor zeilschepen naar de Eems 221/2 mark en in een enkel geval 24 mark per 4.520 ponden rogge; naar het Engels Kanaal Sh.2/6 per 500 Engelse ponden tarwe; naar de oostkust van Noorwegen 21 mark, Bergen 21 à 22 mark, Sundsvall 22 mark, alles per 5.000 ponden rogge; naar Stettin, Stralsund en Wolgast 14 mark, naar Lübeck, Kiel, Flensburg en havens van de Deense Oostzee eilanden en de oostkust van Jutland 21 à 22 mark per last rogge; naar de Wezer 24 mark per 4.300 ponden rogge; naar Groningen NLG 14 per 2.400 kilo tarwe. Stoombootvrachten onveranderd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 mei. Scheepsvrachten. Er werden nog een paar schepen tegen verhoogde koersen gecharterd naar de voorhavens van Frankrijk. Men besteedde Ffrs 22 per 30 hectoliter haver, met Ffrs 25 gratificatie.


07 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 mei. De bouw van het op de Marine begroting voor 1876 uitgetrokken stoom-transportvaartuig voor de betonning en het loodswezen in het 3e district is opgedragen aan de Maatschappij De Schelde, die de voormalige Rijkswerf te Vlissingen in exploitatie brengt. Dit zal het eerste schip zijn, dat door die maatschappij op stapel wordt gezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 maart. Gedurende de laatste dagen is er weder zeer weinig omgegaan. Zwaar goed is uiterst schaars, terwijl licht goed meestal in stoomboten afgeladen wordt. De volgende afsluitingen van Nederlandse schepen vonden plaats: JACOB ROGGEVEEN naar Amsterdam NLG 50 voor suiker, NLG 90 voor tabak in de Oosthoek, CORNELIS WERNARD EDUARD naar Rotterdam, eveneens NLG 50 voor suiker en NLG 90 voor tabak in de Oosthoek.


08 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 6 mei. Heden arriveerde alhier de ST. JOSEPH, kapt. Gawen, van Cette naar Antwerpen, aan boord hebbende kapt. Van Duivenboden en equipage van de CAROLINA, van Oporto naar Bremerhaven bestemd. Laatstgenoemde kapitein meldt de 28e april een grote hoeveelheid balken gepasseerd te zijn en des avonds ten 10 ure stootte het schip waarschijnlijk op een van die drijvende balken en maakte onmiddellijk water. Men pompte gedurende drie dagen en nachten en verliet het schip de 1e mei met 6 voet water in het ruim. Dezelfde dag werden zij door eerstgenoemd schip opgenomen, zijnde toen op 48º26’ NB 06º45’ WL (opm: dit is de tweemast schoener CAROLINA, kapt. P. van Duivenboden, gebouwd in 1860)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stolpemünde, 3 mei. Hedenmorgen is bij het inzeilen alhier het schip ALBERTJE HESSELING, kapt. Tap, nabij de Ostmole aan de grond geraakt, voorbij de haven gedreven en op strand gekomen. Niettegenstaande herhaalde en krachtige pogingen van de loodsen en het regeringsstoomschip PFEIL, is men er niet in geslaagd het schip in het vaarwater te brengen. Lichters konden wegens te hoge zee geen lading uit het schip overnemen en werd er alzo een gedeelte overboord geworpen.
Ten 11 uur voormiddag stond er 6 voet water in het ruim. De equipage en hun goederen zijn
geborgen. Zodra het weer bedaard wordt, zal de rest van de lading geborgen worden.


09 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 mei. Heden ochtend kwam hier van Curaçao binnen Zr.Ms. schroefstoomschip HET LOO, commandant E.L. Baron Van Heeckeren van Walien, kapt.-luit. ter zee.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Volgens een heden bij de rederij ontvangen telegram is het schip BALI, kapt. Van Rossen, de 26e april te Atjeh gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 8 mei. Het schip ELVIRA, kapt. Steenberg, van Skeen, heeft anker en ketting verloren na twee malen op Haaks gestoten te hebben. Het heeft daarna op de steenglooiing gezeten doch is met assistentie van een sleepboot en vletterlieden af- en binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d Lek, 7 mei. Volgens telegrafisch bericht is het schip MARIA ELISABETH, kapt. Opstelten, de 26e april te Padang gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Falmouth, 6 mei. Het schip CAROLINA, kapt. P. van Duijvenboden, van Porto naar Bremen, is de 1e dezer in zinkende staat door het volk verlaten, dat gered en hier is aangebracht.


10 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 mei. Volgens een door vertraging eerst heden ontvangen telegram is het stoomschip MADURA, kapt. Berkelbach v.d. Sprenkel, van Batavia naar Nieuwediep, einde april wegens broeiing in de steenkolenhokken en na kolen overboord te hebben geworpen, te Point-de-Galle binnengelopen, om de overblijvende kolen te lossen en nieuwe in te nemen. De reis zou na 5 à 6 dagen worden voortgezet. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 7 mei. Het fregatschip JOHANNES, kapt. Visser, is bij het opslepen in het Noord-Hollandsch Kanaal in aanvaring gekomen met het barkschip GOEDE VERWACHTING, kapt. Dekker, waardoor het laatste belangrijke averij heeft bekomen aan stengen, want en achterschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 6 mei. Het Nederlandse schoenerbrikschip FENNECHINA, kapt. Koetze, naar Noorwegen met rogge bestemd, welk schip hier heeft overwinterd, is bij het afkomen van de rivier op de Drooge aan de grond geraakt. Het schip is lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 mei. Dezer dagen is het eerste schip bevracht, om spoorwegmaterieel voor de Zuid-Afrikaanse Republiek naar de Delagoabaai over te brengen. Het schip WAALSTROOM zal dezer dagen voor Amsterdam laden houten gebouwen voor woningen en bergplaatsen, de gereedschappen ter vervaardiging van de aarden baan en benodigd voor de spoorlegging, de landingssteiger met lastbok en toebehoren, al hetwelk hier te lande is besteld, behalve de eerste stalen rails welke in België zijn vervaardigd.
Voorts zal gemeld schip overvoeren een opzichter en enige werklieden, allen Nederlanders, die de eerste werkzaamheden zullen verrichten en later zullen worden gevolgd door de reeds aangestelde Nederlandse ingenieurs, machinisten, enz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping, ten overstaan van de deurwaarder Adrianus Jacobus Spoor, in het Lokaal Verscheidenheid en Overeenstemming, aan de Scheepmakershaven te Rotterdam, op dinsdag 23 mei 1876, des voormiddags te elf uur, van het Engelse schoenerschip genaamd BEULAH, groot ruim 119 Engelse registertonnen, 334,93 kub. meters, 300 dragende tonnen (dead weight) met masten, rondhouten, ankerkettingen, touwen en verdere inventaris. Liggende aan de Houtbrug te Rotterdam en aldaar te bezichtigen. Zijnde inmiddels uit de hand te koop.
Informatiën ten kantore van voornoemde deurwaarder in de Oppert 146 te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 9 mei. Scheepsvrachten. Aangezien hier bijna geen disponibele scheepsruimte is, kon er weinig gedaan worden. Een verwacht wordend schip werd gecharterd tegen Ffrs. 22 naar de Franse voorhavens of Sh.16/- naar Londen of de Oostkust met gratificatie.


  JB - Javabode

Batavia, 10 mei. In het dok te Singapore ligt de BARON MACKAY ten einde een grote reparatie aan de machine te ondergaan.
(opm: een Nederlands stoomschip, eigendom van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij).


11 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 mei. Heden namiddag is van de werf Concordia te water gelaten een houten barkschip, groot 800 Java lasten, gebouwd door en voor rekening van de firma Meursing & Huijgens. De naam van dit schip is nog niet bepaald.
(opm: zie NRC 291176, verkocht, verdoopt ANTOINETTA).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 mei. Op verzoek van de Nederlandse consul te Havre is, naar de Franse bladen melden, aldaar gearresteerd kapt. J. Stuur, van het Nederlands schip CORNELIA ABRAMINA, van Bahia te Havre aangekomen, naar men zegt wegens het tekenen van valse cognossementen. Gemeld schip is 30 maart te St. Michaels met averij binnengelopen (zie ons nummer van zondag 9 april).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stolpemünde, 7 mei. Nadat een gedeelte van de lading in lichters gelost en, door aanhoudend pompen, van water bevrijd was, is het in de nabijheid van deze haven gestrande schip ALBERTJE HESSELING, kapt. Tap, door het gouvernementstoomschip PFEIL, afgebracht en hier binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 27 maart. De Nederlandse driemast schoener VELOX, kapt. Mulder, is bevracht om van Takao te laden naar Yokohama en retour op Amoy via Chefoo.


12 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 11 mei. Heden is op de scheepstimmerwerf Dammes Erve, toebehorende de scheepsbouwmeester J. Korver, de kiel gelegd en zijn de beide stevens gesteld voor een sloepschip, bestemd voor een te Nieuwediep op te richten beugvisserij maatschappij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 april. Vrachten. Onze markt bleef gedurende de laatste dagen in dezelfde flauwe toestand verkeren. Er wordt nog wel enig product aangeboden, doch zijn de vrachtcijfers van die aard, dat gezagvoerders weigeren af te sluiten. Naar New York werd een scheepje opgenomen voor koffie van Padang tot GBP 2.15/- per ton en blijft voor dezelfde bestemming een klein scheepje gezocht. Naar Australië wordt GBP 1.5/- geboden, te lossen te Melbourne en Sydney. In kust- of tussenvrachten gaat weinig om. De laatste afdoeningen zijn, naar Holland: De Nederlandse JACOB ROGGEVEEN, NLG 50 suiker, NLG 40 tabak, uit de Oosthoek naar Amsterdam; CORNELIS WERNARD EDUARD, NLG 50 suiker, NLG 40 tabak uit de Oosthoek naar Rotterdam; de Nederlandse GEBROEDERS SMIT accepteerde steenkolen van Poeloe Laut naar Cheribon; de EMMA gaat te Sumanap zout voor Samarang laden. In lading hier en op de kust: De Nederlandse stoomschepen MADURA, CONRAD en BORNEO. Onbevrachte schepen op Java: De Nederlandse schepen UTRECHT, SALATIGA, PROFFESSOR VAN DER BOON MESCH, GRAAFSTROOM, WIJK AAN ZEE, NICOLAAS WITSEN, STAD MIDDELBURG, CORNELIA, LAURENS COSTER, ELECTRA, MINA, KRIMPEN A/D LEK, LOUIS AUGUST CONSTANTIJN en JOHANNA.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De notarissen J.A. Zaal Stroband te Harlingen en J. de Wal te Leeuwarden zullen op woensdag 24 mei 1876, des namiddags 4 uur precies provisioneel en 's avonds 8 uur finaal, in de Korenbeurs bij J. Fekkes te Harlingen, publiek verkopen het uitmuntend, goed onderhouden Nederlands schoener-kofschip JOHANNA, gemeten op 167 tonnen, vroeger door E.H. Oldenburger en laatst bevaren door kapt. B. Kuiper, en zulks met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, zeilen, ankers, touwen, kettingen en verdere daartoe behorende complete inventaris, zodanig als gemeld schip thans ligt in de Zuiderhaven te Harlingen.
Nadere informatiën te bekomen bij de heren firma I. en S. Wiarda, cargadoors aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op uitnodiging van de hier gevestigde Vereeniging van Handelaren hebben de ondergetekenden zich geconstitueerd tot een commissie, ten doel hebbende het oprichten van een directe stoombootvaart tussen Groningen en Rotterdam (opm: dit wordt de Groninger-Rotterdammer Stoomboot Maatschaoppij). Al dadelijk heeft deze commissie van tal van handelaren zo krachtige ondersteuning ontvangen, dat de oprichting van de maatschappij verzekerd is.
Zij acht het echter wenselijk in het belang van de onderneming zowel als in dat van de handel, dat de deelname zo algemeen mogelijk zij en heeft daarom de eer belangstellenden uit te nodigen alsnog tot de onderneming toe te treden, waartoe de inschrijving is opengesteld uiterlijk tot en met woensdag de 17e mei e.k., ten kantore van de ondergetekenden, door wie tevens gaarne nadere inlichtingen worden verstrekt.
Groningen, de 11e mei 1876, G. Wouters Jr., pres. H. Huisinga, secr. J.E. Scholten. M. Hoen. H. Hommes. J. Schilthuis U.Gz. Jb. Mesdag. E. Faber.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Swinemünde, 7 mei. De schoener AUGUSTE, kapt. Borgwaardt, van Sassnitz naar Stettin, is gisteren avond 10 uur op ongeveer 3/4 mijl noordoost van Greifswalder Oie (opm: eilandje) gezonken. De kapitein is door de stoomboot SEQUENS gered, doch drie man zijn verdronken.


13 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 mei. Heden werd aan de fabriek van de heren Christie, Nolet & De Kuyper te Delfshaven met goed gevolg te water gelaten een nieuwe ijzeren raderstoomsleepboot voor rekening van het Belgische Gouvernement, ten dienste van het loodswezen te Ostende. De condenserende stoomwerktuigen met cilinders van 0,915 meter diameter en 1,22 meter slag, compleet, zijn mede aan dezelfde fabriek vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thans is het prospectus verschenen van de Nieuwe Noordsche Compagnie ter Uitoefening van de Robben- en Walvischvangst in de Noordelijke IJszeeën.
Daar elk begin zijn zwarigheden medebrengt, is er besloten vooreerst slechts met één stoomschip te beginnen, om later zo mogelijk de onderneming op grotere schaal voort te zetten. Doch ook deze betrekkelijk kleine onderneming vordert een vrij belangrijk kapitaal. Om een stoomschip te laten bouwen, gelijk er tegenwoordig voor bedoelde visserij gebruikt worden, heeft men een som van NLG 180.000 nodig, terwijl men het schip dan nog van de vereiste walvis-kanonnen, vuurroeren en zeer vele andere vangwerktuigen voorzien moet, zodat men voor het complete schip ongeveer NLG 20.000 nodig heeft.
Toevalligerwijze is er thans echter een nagenoeg nieuw stoomschip, dat slecht eene reis gemaakt heeft, aan te kopen. Het is een driemast-stoomschip van ongeveer 600 ton, volgens de nieuwste vereisten voor de IJszee-visserij gebouwd en met een machine van de nieuwste vinding (compound-system) voorzien, terwijl de complete vis-inventaris er bij voorhanden is. De aankoop van dit schip zoude aan de nieuwe Maatschappij al dadelijk een uitgave van 30 % besparen.
Met het oog op deze gunstige gelegenheid in het benodigde kapitaal gesteld op NLG 250.000, te verdelen in 500 aandelen elk van NLG 500, te storten in 3 termijnen gedurende den loop van dit jaar, om met de exploitatie in het begin te kunnen aanvangen. Behalve deze bijzonderheden zullen de voorlopige statuten onder meer het volgende bevatten:
1˚. Het bestuur der Maatschappij wordt opgedragen aan de heren A.J. ten Brink, voorzitter van het dep. Enkhuizen van het Aardrijkskundig Genootschap, M.C. Teves, (firma Zeilmaker & Co.) te Harlingen, en L.F.H. Tuckermann, oud-zeeofficier te Enkhuizen, onder toezicht van drie uit en door de aandeelhouders te kiezen commissarissen.
2˚. De bestuurders zijn onbezoldigd doch genieten als vergoeding voor den door hen te besteden arbeid en tijd een telken jare door de aandeelhouders te bepalen deel in de bruto-winst.
3˚. De duur der vennootschap wordt gesteld op tien jaren. Mocht vroegere ontbinding door buitengewone omstandigheden wenselijk zijn, dan kan daartoe in de jaarlijkse algemene vergadering der aandeelhouders worden overgegaan.
4˚. De bepaling van het jaarlijkse dividend geschiedt in diezelfde vergadering en hangt af van het zuivere bedrag der behaalde winst.
5˚. De maatschappij is gevestigd te Enkhuizen en te Harlingen. Laatstgenoemde stad wordt aangewezen als plaats van vertrek en aankomst van het schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed na een smartelijk lijden, in de ouderdom van bijna 88 jaren, onze geliefde vader, behuwd- en grootvader de heer Arie Riedijk, rustend zeekapitein.
Uit naam zijner kinderen behuwd- en kleinkinderen, Cs. Riedijk.
Vlaardingen, 12 mei 1876.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 mei. Gisteren is de laatste van de drie door de fabriek van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Feijenoord gebouwde en dezer dagen opgeleverde stoomkanonneerboten BRAK, LYNX en VOS hier aangekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoop van een schoener kofschip. De notarissen J.A. Zaal Stroband te Harlingen en J. de Wal te Leeuwarden, zullen op woensdag 24 mei 1876, des namiddags 4 uur precies provisioneel en ’s avonds 8 uur finaal, in de Korenbeurs bij J. Fekkes te Harlingen, publiek verkopen het uitmuntend goed onderhouden Nederlands schoener kofschip JOHANNA, gemeten op 167 tonnen, vroeger door E.H. Oldenburger en laatst bevaren door de kapt. B. Kuiper en zulks met al deszelfs rondhouten, staand- en lopend want, zeilen, ankers, touwen, kettingen en verdere daartoe behorende complete inventaris, zodanig als gemeld schip thans ligt in de Zuiderhaven te Harlingen.
Nadere informatiën te bekomen bij de firma I. & S. Wiarda, cargadoors aldaar.


  AH - Algemeen Handelsblad

Brouwershaven, 23 mei. Een ramschip der Nederlandse Marine (opm: monitor ADDER) stoomde hedenmiddag tegen het alhier te rede ten anker liggende Nederlandse schip NOACH IV, kapt. Looien, en nam den gehele voorsteven weg. Het schip maakt nog geen water en heeft de sleepboot HELLEVOETSLUIS bij zich, zo nodig ter assistentie.
(opm: zie ook AH 130576).

AH 130576
Hellevoetsluis, 26 mei. Een commissie van deskundigen der marine is per sleepboot naar Brouwershaven vertrokken tot opname der schade toegebracht aan de NOACH IV door de monitor ADDER.


14 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 6 mei. Heden is aan de werf van de scheepsbouwmeester M. v.d. Kuyl de kiel gelegd van een ijzeren sleepschroefstoomboot HENDRIKA, voor rekening van de heren Blijdestijn & Baars, te Dordrecht. De stoommachines worden vervaardigd in de fabriek van de heer B. Wilton, te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 mei. Volgens brief van kapt. Meijer, voerende het Nederlands schip PIET HEIN, van hier naar St. Petersburg, waar hij 8 dezer wegens het vele ijs te Reval binnengelopen.
Nog waren aldaar om dezelfde reden binnengelopen de Nederlandse schepen NOORD-HOLLAND, kapt. Bloos en SÖDERHAMN, kapt. Visser, beide van het Nieuwediep naar Nerva bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 mei. Volgens het jaarverslag der Stoomvaart-Maatschappij Nederland over 1875 is in dat jaar met 13 uit- en thuisreizen door de 6 stoomboten der Maatschappij een winst behaald van bijna NLG.820.000, zodat, na afschrijving van NLG.380.000 voor de schepen en van NLG.30.000 averijrekening van het verbrande schip WILLEM III, aan de aandeelhouders 5 % kan worden uitgekeerd.
De reizen, sedert mei geregeld om de 4 weken, waren bijzonder voorspoedig, de uitgaande werden volbracht in gemiddeld 37 stoomdagen, tegen 39 in 1874; tehuiskomende in 43 stoomdagen (44 in 1874); aan vreemde schepen werd bovendien hulp verleend.
Vervoerd werden 3.779 passagiers naar Java tegen 1.981 in 1874 (toen 8 reizen werden gedaan), van Java 2.191 passagiers tegen 1.268 in 1874. In het geheel vertrokken van Java in 1875 3.550 passagiers.
Het goederenvervoer steeg van 18.562 M3 tot 25.761 M3 naar Java en van 9.416 tot 15.691 last uit Java.
De uitkering zou hoger zijn geweest, als de vrachten niet zo sterk waren gedaald. Toch is de uitkomst nog gunstig geweest in vergelijking van andere maatschappijen, die zelfs de afschrijving in het ongunstige jaar hebben gestaakt, terwijl b.v. de Engelse mail (P.& O.Co.), die per mijl NLG 4 subsidie erlangt, slechts 2½ % uitkeert.
Het bekende proces over het schip WILLEM III en gevolgd door een tweede van dezelfde eisers de heren H. Muller & Co. te Rotterdam; de verdediging, bij het eerste door de Hoge Raad, als te laat voorgedragen, ter zijde gesteld, namelijk dat de reeder alleen voor schuld of nalatigheid van de schipper verantwoordelijk is, zal nu terstond kunnen worden gebruikt. Zonder verhoging van de premie hebben de invloedrijke en toongevende assuradeurs, die zich ten sterkste tegen zulk een rechtsvordering verzet hadden, toegestemd in vrijstelling van schip en schipper tegen schade door brand en explosie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 mei. Naar wij vernemen zal het stoomschip PRINSES AMALIA, uit Nieuwediep naar Batavia vertrokken en 8 april met schade aan de machine te Suez aangekomen, naar Glasgow worden gesleept om aldaar te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nederlandsche Stoomboot Maatschappij. De directie maakt bekend:
- dat de commissie van rekening in haar vergadering van de 13e april j.l. heeft besloten om over 1875 een dividend van 7 % uit te keren, hetgeen met de 1e mei j.l. tegen intrekking der coupon no. 21 betaalbaar is gesteld.
- dat de goedgekeurde balans met bijlagen gedurende mei aan het kantoor der maatschappij voor de aandeelhouders ter kennisneming ligt.
- dat de jaarlijkse algemene vergadering van stemhebbende aandeelhouders zal worden gehouden op zaterdag 20 mei a.s. des middags ten 12 ure in het lokaal der Nederlandsche Stoomboot Reederij, Boompjes no. 70 te Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Havre, 9 mei. De lading katoen, 2.013 balen, van het Nederlandse schip FRITZ, kapt. Isaaksen, van New Orleans herwaarts, te Brunswick G. met schade binnengebracht, is naar Savannah gezonden om herscheept te worden.


15 mei 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 6 mei. Scheepsvrachten. Sedert ons laatste bericht zijn hier de volgende vrachten gesloten: Naar Delfzijl en Groningen tot NLG 14, Harlingen, de Maas, Purmerend en het Nieuwediep tot NLG 13, Antwerpen tot NLG 131/4, Stettin tot 131/2 mark, Stralsund en Rostock tot 15 mark, Wismar en Kiel tot 16 mark, Lübeck en Rendsburg tot 161/2 mark, Itzehoe 22 mark, Buxtehude 221/2 mark, Altona en Hamburg 21 mark, Brake 20 à 21 mark, Geestemünde 21 à 22 mark, Weener 21 mark, Emden 21 à 221/2 mark, Statenzijl tot 24 mark, alles per 80 Engelse kubieke voet delen; naar Tyne-Dock Sh.11/-, Grimsby Sh.12/6, Perth Sh.13/-, Londen Sh.14/-, Cardiff Sh.14/6, Southampton, Plymouth en Belfast Sh.15/-, Dublin Sh.16/- en Menaibridge Sh.16/6, alles per load grenen balken; Sunderland Sh.33/- per stand. planken; West-Hartlepool en Alloa 10 GBP, Grimsby 11 GBP en Londen 14 GBP per mille fustduigen; Lebbin, Züllchow en Stettin 16 mark per aan te wijzen roggelast voor grenen duigen; Aarhus 251/2 mark per 5.000 ponden lijnzaad.


16 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Soerabaija direct het nieuwgebouwd Nederlands klipperfregat KINDERDIJK, kapt. M.C. Disper. Spoedige expeditie. Adres de cargadoors Kuyper, Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuyzen. (opm: eerste reis).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit het verslag van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart-Maatschappij over 1875 blijkt dat de resultaten van de exploitatie ook in 1875 hoogst ongunstig waren. In het vorige verslag reeds had de directie niet ontveinsd dat er weinig uitzicht bestond op verbetering van de toestand, en die verwachting heeft zich maar al te zeer bewaarheid. De retourvrachten liepen in de aanvang van het jaar terug tot cijfers zo ongekend laag, dat men die vroeger voor onmogelijk zou hebben gehouden, hoezeer ze zich dan ook in de latere maanden wede enigszins herstelden. De uitgaande goederen werden nog altijd in veel geringer hoeveelheid aangeboden dan wenselijk is, zodat de schepen voortdurend slechts met halve ladingen of nog minder moesten vertrekken, en zelfs om die hoeveelheden te bekomen, moest men zich herhaaldelijk vrachtvermindering laten welgevallen. Doch (niettegenstaande de totaal-uitvoer van de Europese havens naar Noord-Amerika aanzienlijk verminderde) het aantal tonnen van elke uitlading was groter dan het vorige jaar en ook het gemiddelde bedrag van elke uitvracht bleef nog iets hoger. De geregelde veertiendaagse afvaarten, die aan de buitenlandse afladers grote zekerheid voor een spoedige verzending geven, dragen daartoe voornamelijk bij, terwijl het feit dat de schepen de gehele zomer direct van Rotterdam naar New York konden varen, zonder een tussenhaven voor steenkolen aan te doen, terecht zeer door de inladers werd gewaardeerd.
In de loop van het boekjaar 1875 maakte de schepen 23 reizen en bedroegen de bruto goederenvrachten 908.122 NLG.
De andere hoofdbron van inkomsten, het personenvervoer, bleef bijna geheel ontbreken. De landverhuizing, in 1874 reeds hoogst belangrijk afgenomen, toont voor het afgelopen jaar opnieuw een zeer belangrijke vermindering: in 1873 toch werden te New York ontscheept 267.354, in 1874 140.337 in 1875 84.544 landverhuizers. Uit de verschillende Duitse havens vertrokken in 1873 134.191, in 1874 75.502, in 1875 56.289 landverhuizers.
Met de schepen der Maatschappij werden vervoerd: in 1873 198 kajuitpassagiers en 2.820 tussendekspassagiers, in 1874 270 kajuitpassagiers en 1.511 tussendekspassagiers, in 1875 624 kajuitpassagiers en 1.815 tussendekspassagiers.
Aan passagegelden werd geboekt: in 1973 met 12 reizen NLG.189.433, in 1874 met 20 reizen NLG.107.614, in 1875 met 23 reizen NLG.143.070.
In één opzicht toont ook het jaar 1975 weder een bemoedigende vooruitgang, namelijk in de voorgaande vermindering van de exploitatiekosten, waarbij in de eerste plaats genoemd worden de bezuiniging door het meerder gebruik maken van de Nieuwe Waterweg.
Ook de prijs van steenkool bleef in 1875 lager dan vroeger, zodat de uitgaaf van brandstof in 1874 gemiddeld per reis nog NLG.12.781, in het nu afgelopen jaar niet meer dan NLG. 11.677 bedroeg. Eindelijk veroorzaakte de afschaffing van de vuur- en bakengelden, met 1 juli l.l. in werking gekomen, over de laatste zes maanden van het jaar een besparing van ruim NLG. 6.000. Twee zaken zullen in het vervolg nog belangrijk kunnen bijdragen om de exploitatiekosten nog verder te verminderen. De verdere voltooiing van de waterweg, de vestiging bij Rotterdam van een groot droogdok, aan de verwezenlijking van welk denkbeeld de directie met anderen werkzaam is.
De over 1875 verkregen uitkomst zou veel minder ongunstig zijn geweest, indien het jaar zich niet had gekenmerkt door herhaalde belangrijke zeerampen en averijen, die alleen veroorzaakt werden door zeer buitengewoon hevige stormen, door schade van ijs, en eindelijk ook het ongeluk aan het stoomschip W.A. SCHOLTEN overkomen, toen het bij het rondzwaaien op de rivier schroefraam en roer verloor. Hoezeer die schade alle voor het grootste deel door assuradeuren werden vergoed, of zullen vergoed worden, zo werd daardoor toch ook aan de Maatschappij zelf een geldelijk nadeel berokkend, dat veilig op NLG 125.000 kan worden geschat. Op dit ogenblik zijn alle vier de stoomschepen van de Maatschappij in zeer goede staat.
De exploitatie gaf een verlies van NLG.159.365,135 hetgeen met de voorgestelde afschrijving op, het materiaal van NLG.140.000 of ruim 5 %, vermeerdering van het reservefonds voor reparatiën en ketelvernieuwing van NLG.60.000 op NLG.100.000 en enige kleine afschrijvingen van oprichtingskosten en op het meublement, een totaal verlies geeft van NLG.340.927,465.
Het stoomschip ROTTERDAM gaf een verlies van NLG.11.290,855 , de SCHOLTEN van NLG.48.503,475, de CALAND een winst van NLG.22.616,415, en de MAAS een van NLG.1.526,855. Op de SCHOLTEN en CALAND worden afschrijvingen op elk schip van NLG.50.000, op de ROTTERDAM en MAAS elk van NLG.20.000, te zamen bovengenoemde NLG.140.000 voorgesteld.
De directie treedt hoewel aarzelend in enige beschouwing over de toekomst van de onderneming. De horizon van de trans-atlantische stoomvaart blijft nog immer duister; doch er zijn ook nog lichtpunten zodat de directie nog altijd oprecht overtuigd is dat het belang van de aandeelhouders niet beter kan worden gediend, dan door vol te houden en op de ingeslagen weg voort te gaan.
De ondervinding heeft geleerd, dat de Rotterdamse stoomvaartlijn zeker eventueel levensvatbaarheid bezit als ieder andere, de beste zelfs niet uitgezonderd. En daar het niet mogelijk is dat de stoomvaartlijnen op Amerika maar immer zouden voortgaan met enorm verlies te varen, óók niet dat er weder een tijd zou aanbreken, dat stoomvaartverbinding tussen de Oude en Nieuwe Wereld gemist kon worden, zo mag men vast geloven dat ook de onderneming nog een toekomst heeft, wanneer zij slechts volgehouden wordt. De relatiën met de afzenders van goederen breiden zich gestadig uit, de goede naam van de lijn en van de schepen wordt hoe langer hoe meer bevestigd, de economische toestand in de Verenigde Staten, voor enige jaren zo diep geschokt, wordt bepaald gunstiger, zodat het niet lang meer duren kan, of er moet verbetering in de toestand komen.
Zo echter de toestand verbeterde, zou het voordelig saldo nog in langen tijd niet kunnen leiden tot een uitdeling, wanneer het nadelig saldo van de winst- en verliesrekening moest worden ingehaald. Daarom stellen commissarissen en directie voor het geleden verlies op de kapitaalrekening af te schrijven en dus het kapitaal te reduceren. Een voorstel tot wijziging van de Statuten in dien geest (vermindering van het kapitaal met NLG.1.000.000) zal op de aanstaande algemene vergadering aan de goedkeuring van aandeelhouders onderworpen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit particuliere bron vernemen wij het volgende:
Bij de aanvaring van de LEEUWARDEN en het METALEN KRUIS in de West-Indische wateren, was de schok zó hevig, dat de ijzeren bouten, waarmee de masten bevestigd zijn, stuk sprongen. De LEEUWARDEN verloor drie boten. Een stuk geschut werd van het affuit geworpen; ’t affuit was aan splinters. De tuigages van beide schepen zijn nagenoeg totaal vernield. De schepen zaten een uur lang in elkaar verward. Gelukkig werd op geen der schepen iemand gewond of gedood. Het METALEN KRUIS timmert te Curaçao op de werf van Van der Meulen, de LEEUWARDEN op die van Jessurun aldaar. Men dacht, dat er ongeveer vijf weken voor de reparatie nodig zijn.


17 mei 1876


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 16 mei. De mailboot STAD MIDDELBURG tussen Vlissingen en Engeland is gisteravond te 09.39 uur naar Queenborough vertrokken tot heropening van de vaart. Een talrijk publiek was op de ponton aanwezig. De mailboot STAD VLISSINGEN is hedenochtend te 08.02 uur te Vlissingen aangekomen na een prachtige reis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 16 mei. Scheepsvrachten. Voor Londen of de Oostkust werd heden gedaan tegen Sh.16/- per 10 quarters, en voor de Franse voorhavens tegen Ffrs. 23 per 30 hectoliter haver, beide met gratificatie.


18 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de heden gehouden vergadering van aandeelhouders in de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier, is het verslag over 1875 uitgebracht. Daaruit blijkt, dat 1.200 werklieden in dienst zijn en dat in het vorige jaar contracten zijn gesloten voor ruim 3 miljoen, waarvan NLG 620.000,- voor particulieren. Aan arbeidslonen en grondstoffen is 1½ miljoen betaald, afgeleverd is voor 2¼ miljoen, op 1 januari 1876 was nog te leveren voor 2¾ miljoen. De fabriek heeft niet gevolgd het voorbeeld van buitenlandse fabrieken, die door gebrek aan werk leveringen zonder verdiensten aannamen. Er is een winst van ruim NLG 84.000,- behaald, na aftrek van afschrijvingen op gebouwen en machines. Over de preferente aandelen wordt 6 % dividend uitgedeeld en 2 % extra, NLG 12,- op de oude aandelen.
Tot commissaris is herkozen de heer E. Mohr.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 mei. Het Nederlands schip MARY, kapt. Pijl, is gisteren gereed om naar zee te vertrekken, tegen een hoek van de Keersluis gelopen en belangrijk beschadigd aan de boeg op de waterlijn; zal een gedeelte van de lading moeten lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 3 mei. Volgens bericht van Charleston in dato 28 april j.l. was het schip FRITS, kapt. G. Izaaksen, van New Orleans naar Havre bestemd, in Brunswick lek binnengesleept, de 26e april, na een zorgvuldig onderzoek, aldaar afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Daam, W. de Lorme van Rossem, P. Reineke en E.C.A. Koli, makelaars, presenteren op maandag 29 mei 1876, des namiddags 3 ure, in het lokaal De Brakke Grond, in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het snel zeilend, gekoperd en kopervast Nederlands schoenerschip genaamd CARDENAS PACKET, laatst gevoerd door kapt. C. Ouwehand. Volgens Nederlandse meetbrief lang 28 meter; wijd 4 meter; hol 2,40 meter; en alzo gemeten op 64 lasten of 121 tonnen en dat verder met al zij rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften. Breder bij inventaris vermeld.
Bedoeld schoenerschip laadt 200 tonnen zwaar gewicht, is in 1875 belangrijk vertimmerd en nieuw gekoperd en ligt in het Oosterdok aan de dijk.
Voor nader onderricht adressere men zich aan bovengenoemde makelaars of aan de cargadoors Van Tubergen & Daam, Heerengracht over het Entrepotdok 211, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Hendrik Jacobus Daam, makelaar, presenteert op maandag 29 mei 1876, des namiddags ten 3 uur, in het lokaal De Brakke Grond, in de Nes, te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen het buitengewoon snel zeilend, gekoperd en kopervast Nederlands driemastschoenerschip genaamd HENRIETTE, laatst gevoerd door kapt. K. Wijtsma. Volgens meetbrief lang 47,1 meter, wijd 5,27 meter, hoog 4,11 meter en alzo gemeten op 356 tonnen, of 188 lasten en dat met al zijn rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften. Breder bij inventaris vermeld. Het schip is liggende te Amsterdam, aan de werf Concordia, Oostenburgervoorstraat.
Voor nadere informatiën adressere men zich aan bovengenoemde makelaar, of de cargadoors Van Tubergen & Daam, Heerengracht, over het Entrepotdok, 211.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op nader te bepalen tijd zal ten huize van F. Kempkers aan het Schuitendiep publiek worden verkocht een tjalkschip genaamd ANTIENA, groot 66 ton.
Informatie te bekomen bij bovengenoemde.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 16 mei. Als een bijzonderheid kan gemeld worden, dat het schip CATHARINA GERHARDINA, kapt. G.H. Folgering, van Appingedam, reeds voor de vierde maal in dit jaar zijn reis van hier naar Noorwegen heeft aanvaard en spoedig weder denkt binnen te komen. Het schip TREKVOGEL, kapt. H. Freeze, wordt van zijn derde reis te Delfzijl terugverwacht. Blijven deze schepen zo doorvaren, dan is het aan geen twijfel onderhevig of zij volbrengen 10 reizen in dit jaar.


19 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 mei. Uit het verslag van de Stoomvaart-Maatschappij Java over het jaar 1875, blijkt dat de buitengewoon kleine koffie- en tabaksoogst op Java, de voortdurende algemene lusteloosheid in de handel, de aanzienlijke verlaging in de thuisvrachten en de schaarste aan producten die tot bijlading van suiker - een voor stoomschepen minder voordelig artikel -noodzaakte, een nadelige invloed hadden op de resultaten van de onderneming.
Toch kan nog een som van ruim NLG 119.000 voor afschrijving op de vijf stoomschepen van de Maatschappij worden uitgetrokken en een dividend van 2 pct. voor de aandeelhouders beschikbaar worden gesteld.
Hierbij moet in aanmerking worden genomen dat het stoomschip CELEBES door het inzetten van nieuwe machines ruim 3 maanden heeft stil gelegen en dat het stoomschip BORNEO, tengevolge van een averij, evenveel tijd ongeveer heeft verloren.
Het aantal reizen van Nederland naar Java was 7 tegen 9 in 1874, en van Java naar Nederland 6 tegen 12 in 1874.
Naar Java, enz. zijn vervoerd: In 1875, 4153 Amsterdam last, tegen in 1874, 6530 Amsterdam last; en van Java, enz. in 1875, 6366 Java last, tegen in 1874, 12.861 Java last.
De vermindering in het aantal reizen en als gevolg daarvan in de hoeveelheid vervoerde goederen in 1875 tegen 1874 moet worden toegeschreven aan de volgende oorzaken: Ten eerste zijn geen vreemde stoomschepen meer in de lijn opgenomen, zoals in 1874 plaats vond; ten tweede hebben twee van de stoomschepen gedurende het grootste gedeelte van het jaar emplooi in Indië gevonden door het sluiten van charters met de Nederlandsch-Indische regering en diverse particuliere handelshuizen. Bovendien had in het afgelopen jaar de Maatschappij nog te worstelen tegen de concurrentie van de Maatschappij der Star Ball Line, die, alhoewel zij haar dienst spoedig moest staken, echter door het aannemen van zeer lage vrachten de Nederlandsche Stoomvaart-Maatschappijen in het algemeen zeer heeft benadeeld.
Het aantal vervoerde passagiers bedroeg naar Java, enz. eerste klasse 357, tweede klasse 31, onderofficieren en militairen 635, totaal 1.023; van Java, enz. eerste klasse 213, tweede klasse 27, militairen, enz. 342, totaal 582.
De exploitatiekosten ondergingen in 1875 geen noemenswaardige verandering.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 mei. Op de aanstaande algemene vergaderingen van de Stoomvaartmaatschappijen Nederland en Java, zal de overeenkomst worden behandeld, volgens welke de boten van de Java door de Nederland zullen worden geëxploiteerd. De hoofdbepalingen van het contract zijn de volgende:
De stoomschepen van de Maatschappij Java zullen achtereenvolgens, naarmate zij hier te lande beschikbaar komen, in huur worden gegeven aan Nederland, die daarmede zodanige reizen zal doen, als de directie nuttig en raadzaam zal oordelen.
Onderhoud en reparatie komen ten laste van de Maatschappij Java.
De stoomschepen moeten minstens A3 geklasseerd zijn en blijven; bij lagere classificatie van een stoomschip vervalt de huur wat dat schip betreft.
De assurantie blijft ten laste van de Maatschappij Java, die ook de schipper en de hoofdmachinist aanstelt, onder goedkeuring van de directie van de Nederland.
Overigens wordt het gehele beheer op Nederland overgedragen.
Voor de huur van die stoomschepen wordt aan de Maatschappij Java vergoed een aandeel in het batig saldo van de gezamenlijke reizen, door de beide vloten volbracht.
Dat aandeel wordt over de afgelopen reizen berekend naar de volgende gegevens: De tonnenmaat, de paardenkrachten van de machines, de classificatie, de respectievelijk bevaren vrachten per last in 1874 en 1875.
De saldo's van de reisrekeningen worden afzonderlijk opgenomen in de jaarlijkse verantwoording van de directie van de Nederland aan haar commissarissen.
Indien er geen batig saldo ter uitkering is, heeft Nederland het recht de overeenkomst zonder schadeloosstelling op te zeggen, tenzij de Java een evenredig gedeelte in het nadelig saldo te hare laste neemt.
De Nederland heeft het recht om haar vloot te vermeerderen of te verminderen.
De Java verbindt, noch op haar eigen naam, noch in verbinding met anderen, stoomvaart te ondernemen, tenzij met stoomschepen, ten aanzien waarvan deze huurovereenkomst een einde heeft genomen en die niet door anderen vervangen zijn.
Het contract loopt tot ultimo december 1900. Beide partijen kunnen het tussentijds opzeggen, tegen betaling van NLG 100.000 schadeloosstelling.
Alvorens deze overeenkomst te sluiten, vraagt de directie van Nederland machtiging van de aandeelhouders, om, met inachtneming van het hoofddoel van de Maatschappij (de passagiers- en vrachtvaart op Nederlands-Indië), ook stoomvaart te ondernemen naar en van andere landen. De verenigde vloot zal namelijk te talrijk zijn, althans in sommige seizoenen, voor de behoefte van de vaart op Nederlands Indië, zodat de gelegenheid wenselijk is, om de vaart naar het oosten niet uitsluitend tot Nederlands Indië te bepalen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 22 april. De JOHANNA MARIA, kapt. Korff, heeft een gedeelte van de lading gelost en is nu in reparatie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Gerrit Jan Boelen, makelaar, zal, als lasthebbende van zijn principalen, op maandag de 29e mei 1876, des namiddags ten drie ure precies, te Amsterdam, in De Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de Notaris P.A. Smits, in veiling brengen: diverse scheepsaandelen, als:
- 20/40 aandelen in het, in maart 1876, nieuw gekoperde en kopervaste barkschip JOHANNA EN WILLEM, groot volgens Nederlandse meetbrief 442 Nederlandse tonnen, gevoerd door kapt. C. Houtkoper; thans op reis naar Sourabaya.
- 23/30 aandelen in het gekoperde en kopervaste schoener brikschip GESIENA, groot, volgens Nederlandse meetbrief 507 Nederlandse tonnen, gevoerd door kapt. J.S. Mulder; thans in de Chinese Zee varende.
Nadere inlichtingen begerende, gelieve men zich te vervoegen bij bovengemelde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Pro Deo. Heden de 10e mei 1876, heb ik George Christoph Stoeller, deurwaarder bij de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, wonende aldaar aan de Scheepmakershaven No. 29. Ten verzoeke van Willemina Juyn, buiten beroep, wonende te Rotterdam,
Ten eersten male gedagvaard Frans Harmens, echtgenoot van de requirant, laatst zeevarende, gewoond hebbende te Rotterdam, wiens tegenwoordige woon- of verblijfplaats is onbekend, om op maandag de 4e september 1876, des voormiddags ten elf ure, te verschijnen ter rechtszitting van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, in het gerechtsgebouw aan het Haagscheveer aldaar, ten einde:
- Aangezien de gedaagde, met wie zij eiseresse op de 22e juni 1870 is gehuwd te Rotterdam en aldaar samenwoonde, op de 12e september 1872 te Delfshaven is aangemonsterd als matroos op het Nederlands galjootschip TEELKINA MEISKINA, schipper T.F. Nieuwold, voor een reis van Delfshaven naar zee op avontuur en terug te komen op een Nederlandse haven;
- Aangezien genoemd schip zijn reis vervolgde, op de 6e november 1872 van Bolderaa is gezeild naar Harlingen en er sedert die dagtekening nooit meer iets van dat schip, nog van de bemanning, waartoe de gedaagde behoorde, is vernomen, zodat het er voor moet gehouden worden, dat die bodem in de nabijheid van het eiland Møn is vergaan en de bemanning daarbij omgekomen;
- Aangezien de eiseresse verlangde een ander huwelijk aan te gaan, vooraf van de rechtbank nodig heeft de verklaring van des gedaagden overlijden sedert de 6e november 1872 en zij als echtgenote bevoegd is tot het daartoe strekkend verzoek.
Mitsdien hetzij in persoon, hetzij door iemand van zijnentwege voor gemelde rechtbank op te komen, ten einde van zijn aanwezen te doen blijken, de gedaagde tevens aanzeggende, dat ingeval nog hij, nog iemand voor hem op deze dagvaarding mocht opkomen en alzo niet behoorlijk van zijn aanwezen mocht blijken, door de eiseresse zal worden geconcludeerd, dat haar daarvan akte zal worden verleend en verlof gegeven tot het doen van een tweede openbare dagvaarding, met reserve van kosten tot aan de einduitspraak.
En heb ik deurwaarder, exploot doende en sprekende als is gezegd, aan de gedaagde afschrift gelaten van dit exploot, waarvan de kosten zijn in debet. G.C. Stoeller.
(opm: verkort weergegeven)


20 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfshaven, 19 mei. Heden is op de werf van de heren Gebr. Van de Wetering, scheepsbouwmeesters te Delfshaven, de kiel gelegd voor een nieuw te bouwen schoenersloepschip, genaamd POLLUX, bestemd voor de grote visserij, voor rekening van de Maatschappij Neptunus, gevestigd te Nieuwediep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping. G.J. Boelen, W.IJ. van Reinouts, P.H. Craandijk en E.C.A. Koli, makelaars, zullen op woensdag 7 juni 1876, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal De Brakke Grond, te Amsterdam, ten overstaan van de notaris F. van Houten, in publieke veiling, aan de meestbiedende of hoogstmijnende verkopen een extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd JAN PIETERSZOON KOEN, laatst gevoerd door kapt. P. Ouwehand, gemeten op 775 tonnen of 409 lasten, met al deszelfs toebehoren, breder bij de inventaris vermeld, zoals het thans is liggende aan de werf Concordia alhier.
Nog zullen door de makelaar W.IJ. van Reinouts worden geveild, op bovenstaande voorwaarden: 5/64 aandelen in het Nederlandse barkschip GEESINA MARIA, kapt. T.J. Ridder, gemeten op 505 tonnen of 267 lasten, thans kustvarende in Oost Indië.
Men spreke met bovengemelde makelaars of met de cargadoors Hoijman & Schuurman, Nieuwenbrug No. 2, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Whitstable, 16 mei. De duikkotter ANN is naar het gezonken Nederlandse stoomschip VESUVIUS vertrokken, om te trachten een deel van de lading boven water te brengen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Harlingen op woensdag 17 mei: het kofschip ONDERNEMING, groot 94 ton, gebouwd in 1850. NLG 1.500. Opgehouden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 19 mei. Heden arriveerde hier een nieuwgebouwd galjootschip, gevoerd zullende worden door kapt. K. Koenes, groot 100 ton, gebouwd bij J. Uil te Martenshoek.
(opm: de ESPÉRANCE)


  JB - Javabode

Batavia, 20 mei. Heden morgen is het stoomschip DRENTHE, kapt. Kramers, van de Rotterdamsche Lloyd, alhier ter rede gekomen na een reis van 48 dagen. (opm: eerste reis van dit stoomschip)
Mede is alhier heden aangekomen het voor de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij nieuw gebouwde stoomschip PATOEAH, kapt. Vetter, van Portland (Engeland).


21 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 19 mei. Alhier in dienst gesteld het ramschip SCHORPIOEN, onder bevel van de kapt. luitenant ter zee W. Steffens. Dit schip is bestemd om met het ramschip GUINEA en de drie te Hellevoetsluis in dienst gestelde monitors met een gedeelte van de zeemilitie oefeningstochten te doen op de vaarwaters, die in oorlogstijd door die torenschepen verdedigd moeten worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rotterdam, 19 mei. Volgens particulier telegrafisch bericht is het hoekerschip OCEAAN, kapt. Post, te Oporto aangekomen na een reis van 7 dagen van Vlaardingen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Veendam, 18 mei. Volgens hier ontvangen telegram is het schoenerschip CATHARINA, kapt. H. Karsies, van Mexico behouden en wel te Falmouth gearriveerd, na een reis van 54 dagen, bestemd naar Hamburg.


22 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. De sleepboot ANGLIA is 19 mei te Malta aangekomen en dezelfde dag naar Port Said vertrokken om het stoomschip PRINSES AMELIA, kapt. Fabritius, naar Glasgow te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 13 april. Het particuliere stoomschip BARON BENTINCK is gisteren, gesleept door Zr.Ms. stoomschip BALI, met gebroken as alhier teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 13 april. Vrachten. Gedurende de laatste veertien dagen zijn vele schepen aangekomen, maar blijft de vraag zeer flauw en bepalen zich de afdoeningen tot de volgende: Het Nederlandse stoomschip VOORWAARTS naar Nieuwediep NLG 30 Factorij-tin, NLG 80 à 90 tabak. Lossende en onbevrachte schepen: De Nederlandse schepen UTRECHT, SALATIGA, PROFESSOR VAN DER BOON MESCH, GRAAFSTROOM, WIJK AAN ZEE, NICOLAAS WITSEN, STAD MIDDELBURG, JOHANNA, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, LOUIS AUGUST CONSTANTIN en KRIMPEN A/D LEK.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Boeldag, op vrijdag de 26e mei a.s., en niet op donderdag de 25e mei, 's namiddags te 2 uur, in de Hoofdwacht te Delfzijl, tegen contante betaling, van al de tuigage, masten, zeilen, ankers, kettingen, rondhouten en verdere opgoederen en de inventaris, behorende tot het Nederlandse kofschip GEERDINA, thans liggende te Delfzijl, en voorts ten huize van de logementhouder J.M. Veldman aldaar, van het scheepshol, groot 84 tonnen, bevaren geweest door de scheepskapitein J.D. Duintjer.
Kraijer & Hoekstra.
(opm: voor sloop verkocht; in 1829 als PETRUS JACOBUS gebouwd)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 mei. Heden arriveerde de nieuwgebouwde koftjalk STAD KAMPEN, kapt. L. Woudstra, van de Lemmer, gebouwd bij R. van der Werf te Wildervank.


23 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 20 april. Het Nederlandse schip JEDO, kapt. Lichtermoet, is bevracht om te Bangkok rijst te laden naar Soerabaija voor 17½ dollarcent per picol, en 20 dollarcent per picol als het schip van Bangkok naar Hongkong bestemd wordt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Boelen, J.F.L. Meijjes, en A. Vinke, makelaars, zullen als lasthebbenden van hun principalen op maandag 29 mei 1876, des namiddags ten 3 ure precies, te Amsterdam, in de Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de notaris A.D.J.T. Meijjes, in veiling brengen diverse scheepsaandelen, als:
- 1/32e aandeel in het gekoperd barkschip HENRIETTA, groot 228 gemeten lasten, gevoerd door kapt. J.R. Brouwer, varende onder directie van de heren Jers. Meyjes en Zonen alhier; thans liggende voor deze stad.
- 1/32e aandeel als voren.
- 1/64e aandeel in het gekoperd barkschip JACOB ROGGEVEEN, groot 377 gemeten lasten, gevoerd door kapt. J.C. Rolff, varende onder directie als voren; thans op reis van Java naar Amsterdam.
- 1/12e aandeel in het gekoperd barkschip JAN VAN BRAKEL, groot 173 gemeten lasten, gevoerd door kapt. D. de Roever, varende onder directie als voren; thans liggende voor deze stad.
- 1/12e aandeel als voren.
- 1/16e aandeel in het gekoperde schoenerschip GEZUSTERS, groot 113 gemeten lasten, gevoerd door kapt. L. de Boer, varende onder directie als voren, thans liggende te Padang.
- 1/16e aandeel als voren.
- 1/32e aandeel in het barkschip HERMAN DE RUITER, groot 318 gemeten lasten, gevoerd door kapt. L.H. Draijer, varende onder directie als voren; thans op reis naar Riga.
- 1/12e aandeel in het brigantijnschip FOSCA HELENA, groot 113 gemeten lasten, gevoerd door kapt. A. Kuipers, varende onder directie als voren; thans op reis naar Kroonstadt.
- 1/12e aandeel als voren.
- de helft in 1/60e aandeel in het gekoperd barkschip VIER GEBROEDERS, groot 323 gemeten lasten, gevoerd door kapt. J. van der Zee, varende onder directie van de heer J.H.A.E. Meyjes; thans op reis van Java naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Gerrit Jan Boelen, makelaar, zal, als lasthebbende van zijn principalen, op maandag de 29ste mei 1876, des namiddags ten drie ure precies, te Amsterdam, in De Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de notaris P.A. Smits, in veiling brengen het Nederlandse ijzeren stoomschip ALSJIN (opm: waarschijnlijk ATCHIN), gevoerd door kapt. Ten Bruggencate, gemeten volgens binnenlandse meetbrief op 80 tonnen, met deszelfs machine, groot 16 paardenkracht en ketel; geschikt voor de vaart op de Zuiderzee en binnenvaart. Voornoemd stoomschip is liggende in het Oosterdok, voor de Bantammerstraat.
Een en andere breder volgens Inventaris, op het biljet vermeld.
Nader inlichtingen begerende, gelieve men zich te vervoegen bij bovengemelde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op de 7e juni 1876, des voormiddags ten 12 ure, zal ten overstaan van mr. L. Reeser, notaris te Maassluis, publiek verkocht worden het wrak van het stoomschip GRONINGEN, met inbegrip van deszelfs zich aan boord bevindende machine, stoomwinchen, ankers, kettingen, tuigage, etc., niets uitgezonderd, zoals het thans is liggende op de Maasdroogte tussen de Nieuwe Waterweg en het Brielse Gat.
Afzonderlijk zal nog verkocht worden de gedeeltelijk geborgen inventaris, liggende te Maassluis, alwaar dezelve drie dagen vóór de verkoop te bezichtigen zal zijn.
Voor gegadigden zal op 29 mei e.k., des middags ten 12 ure te Rotterdam aan het Bolwerk en ten 2 ure te Maassluis (bij gunstig weer) een stoomboot gereed liggen om naar het wrak te varen ter bezichtiging.
Voor nadere informatie zich te vervoegen bij de heer mr. L. Reeser en de heer M. Dirkzwager Gz., te Maassluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Gerrit Jan Boelen, makelaar, zal als lasthebbende van zijn principalen, op maandag de 29e mei 1876, des namiddags ten drie ure precies, te Amsterdam, in De Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de notaris P.A. Smits, in veiling brengen diverse scheepsaandelen, als:
- 20/40e aandelen in het in maart 1876 nieuw gekoperde en kopervaste barkschip JOHANNA EN WILLEM, groot volgens Nederlandse meetbrief, 442 Nederlandse tonnen, gevoerd door kapt. C. Houtkooper; thans op reis naar Soerabaja.
- 23/40e aandelen in het gekoperde en kopervaste schoenerbrikschip GESIENA, groot volgens Nederlandse meetbrief, 507 Nederlandse tonnen, gevoerd door kapt. J.S. Mulder; thans in de Chinese Zee varende.
Nadere inlichtingen begerende, gelieve men zich te vervoegen bij bovengemelde makelaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Liverpool, 18 mei. De gezagvoerder van de sleepboot KNIGHT COMMANDER rapporteert de 6e mei op 48º NB 08º WL het schoenerschip CAROLINA te zijn gepasseerd, hetwelk de beide masten verloren had, doch de boegspriet en kluiverboom waren nog in zijn geheel. Het had een gat aan stuurboordzijde. (opm: mogelijk de CAROLINA van Van Duivenboden. Vergelijk NRC 080576)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. H. Edelinck, notaris te Groningen, zal op dinsdag de 30e mei 1876, 's avonds te 7 uur, ten huize van M. van Hemmen, buiten de Apoort te Groningen, publiek worden verkocht een ijzeren vaartuig, genaamd DE LASTDRAGER, in 1873 gebouwd op de werf van de heer J.C. Boon te Hoogezand, liggende in de Stadsgracht buiten de Apoort te Groningen.
Te aanvaarden acht dagen na de toeslag en dagelijks te bezien; te bevragen bij de heer J. Spijkman, buiten de Apoort.


24 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappij Zeeland. De pier te Queenboro, welke de London, Chatham en Dover Spoorweg-maatschappij uitsluitend voor deze dienst heeft doen bouwen, met voortreffelijke inrichtingen voor het gemakkelijk overschepen van passagiers en goederen, thans gereed zijnde heropening der lijn Vlissingen-Queenboro-London
Vertrek van Vlissingen: Vertrek van Londen:
Dagelijks uitgezonderd des zondags, dagelijks uitgezonderd des zondags.
des avonds ten 8 ure, 40 min. des avonds ten 8 ure, 45 min.
Informatiën zijn te bekomen bij de directie der Koninklijke Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, de heren J.P. Best & de Groof, agenten, te Vlissingen, en de heer Joh. P. Best, hoofdagent, 122 Cannonstreet, te Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 23 mei. Kapt. C. van Toor, voerende het Nederlandse schoenerschip VERTROUWEN, gisteren alhier van Lissabon gearriveerd, rapporteert 1 mei op 47˚56' NB 06˚47' WL des avonds ten 6 ure een schoener in het gezicht gekregen te hebben, die naar het hem voorkwam door het volk verlaten was; kapt. Van Toor zette zijn boot uit en ging aan boord waarna het hem bleek dat het was de CAROLINA, kapt. Duivenbode, door het volk verlaten. Bij onderzoek bleek dat er geen water in het schip stond dat de pompen defect waren en er geen pompgereedschap aan boord was. Daar kapt. Van Toor geen gelegenheid had het schip op sleeptouw te nemen, heeft hij het, na enige losse zeilen en kleinigheden medegenomen te hebben, weder verlaten en zijn reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 23 mei. Een ramschip van de Nederlandse Marine stoomde hedenmiddag tegen het alhier ter rede ten anker liggende Nederlands schip NOACH IV, kapt. Looijen en nam deszelfs gehele voorsteven weg. Het schip maakt nog geen water en heeft de sleepboot HELLEVOETSLUIS bij zich, zo nodig ter assistentie.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 mei. Scheepsvrachten. Voor de kolenhavens aan de Oostkust (opm: van Engeland) werd heden gedaan tegen Sh.10/- en voor Londen of een haven aan de Oostkust tegen Sh.15/6 per 10 quarters haver, benevens gratificatie.


25 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 23 mei. Het Nederlandse schip JAN ROELOF, kapt. Boekhold, van Dordrecht naar Koningsbergen, is alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 20 mei. Kapitein A.H. Bakker voerende het brikschip CATO, 13 dezer van Helsingborg vertrokken, rapporteert in de Finse Golf nog veel ijs aangetroffen te hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verkoping van schepen in het lokaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam: het schoenerschip BEULAH is opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Drammen en omliggende plaatsen vertrekt 5 juni a.s. het snel zeilende Noorse clipper-fregatschip DRAMMENSEREN, ex-JASON, kapt. E.B. Aby.
Adres: de cargadoor N.A. van Charente.
(opm: dit is het ex- fregat JASON, gebouwd in 1856, groot 829 ton, zie NRC 060576; de DRAMMENSEREN is op 7 juni van Rotterdam naar Drammen vertrokken)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 24 mei. Gisteren arriveerde hier het nieuwgebouwd schoener-brikschip VOORWAARTS, kapt. H. Schut van Sappemeer, groot plm. 200 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


26 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Great Yarmouth, 23 mei. Het schoenerschip BURGER, kapt. Meuldijk, van Shields naar Rotterdam bestemd en geladen met steenkolen, hetwelk alhier op de rede twee dagen voor anker gelegen heeft, geraakte heden morgen op drift en verloor een anker en ketting. De kapitein rapporteert, dat het schip een weinig lek is.


  JB - Javabode

Batavia, 26 mei. Gisteren in de namiddag werd bij telegram alhier bekend, dat het dokschip SOERABAIA, toebehorende aan de Nederlandsch-Indische Droogdok Maatschappij, zich bevond op de hoogte van Krakatau. Aangezien het stoomschip AMSTERDAM van deze maatschappij was verhuurd tot het lichten der telegraafkabel te Anjer, werd door de bovengenoemde maatschappij onmiddellijk de KHIVA ingehuurd om het dokschip tegemoet te stomen.


27 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. De sleepboot ANGLIA is 25 dezer te Port Said aangekomen en zou de volgende dag met het stoomschip PRINSES AMALIA, kapt. Fabritius, op sleeptouw naar Glasgow vertrekken, via Malta en Gibraltar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 26 mei. Een commissie van deskundigen van de Marine is per sleepboot naar Brouwershaven vertrokken tot opname van de schade, toegebracht aan de NOACH IV door de monitor ADDER.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Harlingen op woensdag 24 mei: het schoener-kofschip JOHANNA, groot 167 tonnen, gebouwd in 1846: NLG 5.650, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 24 mei. Het barkschip CATHRINA, van Quebec, bij Ellewoutsdijk gestrand en aldaar onlangs geveild, is thans afgebracht en herwaarts gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 24 mei. Heden voormiddag arriveerde alhier van Rotterdam, over de Wadden, de stoomboot WERKENDAM NO. 2, kapt. Van der Heuvel, met een stoombaggermachine en vier modderbakken, bestemd voor de uitdieping van deze haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 23 mei. Volgens bericht van Savannah, is aan de bergers van het aldaar met schade binnengebrachte Nederlands schip FRITZ, van New Orleans naar Havre bestemd, de som van USD 9.500 toegekend. Er wordt scheepsgelegenheid gezocht om de lading van de FRITZ naar Havre te verzenden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swansea, 22 mei. Twee matrozen, behorende tot het Nederlands stoomschip WATERGEUS, werden voor de magistraat gebracht wegens werkweigering, waardoor het schip twee dagen werd opgehouden.


29 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 28 mei. De schade aan de NOACH IV, is door de naar Brouwershaven vertrokken commissie van deskundigen van de Marine niet kunnen worden opgenomen, omdat de aanvaring beneden de waterlijn heeft plaats gehad en het vaartuig nog in lossing is.


  JB - Javabode

Batavia, 29 mei. Het stoomschip KHIVA is onverrichterzake teruggekeerd. Van het dok was niets te bemerken. De manschappen (opm: van het dok), welke per sloep naar Anjer waren geweest, zijn te Krakatau door de KHIVA aan boord genomen.


30 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen op maandag 29 mei in de Brakke Grond:
- Het Nederlandse fregatschip HONIGBY, laatst gevoerd door kapt. Van Leeuwen, groot 755 ton, NLG 20.000. In slag NLG 500. F.A. Vinke.
- Het Nederlandse schoenerschip HENRIETTE, laatst gevoerd door kapt. Wijtsma, groot 356 ton, NLG 14.200. In slag NLG 100. H.J. Daam.
- Het Nederlandse schoenerschip CARDENAS PACKET, laatst gevoerd door kapt. Ouwehand, groot 121 ton, NLG 5.500. In slag NLG 300. Opgehouden.
- 1/32 Aandeel in het barkschip HENRIETTE, gevoerd door kapt. Brouwer, NLG 350. In slag NLG 100. A. Vinke.
- 1/32 Aandeel als voren, NLG 360. In slag NLG 100. J.F.L. Meijjes.
- 1/64 Aandeel in het barkschip JACOB ROGGEVEEN, gevoerd door kapt. Rolff. NLG 490.
G.J. Boelen.
- 1/12 Aandeel in het barkschip JAN VAN BRAKEL, gevoerd door kapt. De Roever,
NLG 1.000. In slag NLG 100. A. Vinke.
- 1/12 Aandeel als voren, NLG 1.000. ln slag NLG 70. J.F.L. Meijjes.
- 1/16 Aandeel in het schoenerschip GEZUSTERS, gevoerd door kapt. De Boer. NLG 300.
In slag NLG 45. J.F.L. Meijjes.
- 1/16 Aandeel als voren, NLG 300. In slag NLG 60. J.F.L. Meijjes.
- 1/32 Aandeel in het barkschip HERMAN DE RUITER, gevoerd door kapt. Draijer, NLG 300. In slag NLG 100. G.J. Boelen.
- 1/12 Aandeel in het brigantijnschip FESCA HELENA, gevoerd door kapt. Kuipers, NLG 210. In slag NLG 40. J.F.L. Meijjes.
- 1/12 Aandeel als voren, NLG 300. In slag NLG 16. J.F.L. Meiijes.
- 20/40 Aandeel in het barkschip JOHANNA EN WILLEM, gevoerd door kapt, Houtkooper, NLG 6.000. In slag NLG 4.000. G.J. Boelen.
- 20/30 Aandeel in het schoenerbrikschip GESIENA, gevoerd door kapt. Mulder, NLG 13.800. In slag NLG 6.000. G.J. Boelen.
- Het Nederlandse ijzeren stoomschip ATSJIN: niet geveild.
- Het plezierjacht FANTASIE, NLG 275. In slag NLG 270. G.J. Boelen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 20 mei. Scheepsvrachten. Door de aankomst van een talrijke vloot werden de vrachten nog meer gedrukt. Bewilligd werd naar Lübeck en Sleeswijk-Holstein tot 21 mark, Oost-Jutland 21 à 22 mark, Oost-Noorwegen 18 à 20 mark, Bergen 20 mark, alles 5.000 ponden rogge; naar Oldenburg 273/4 mark per 4.300 ponden, Stolpemünde 12 mark per 4.520 ponden rogge; naar Kolenhavens inclusief naar Stockton Sh.1/6 per 500 ponden tarwe; naar Nantes Sh.30/- per ton hennep; de oostkust van Schotland bij niet volle lading Sh.11/- per ton beenderen. Per stoomschip naar Amsterdam NLG 16 per 2.400 kilo tarwe.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 18 mei. Scheepsvrachten. Gesloten werd o.a. naar Amsterdam tot NLG 13, Schiedam NLG 131/4, Dordrecht NLG 131/2, Antwerpen NLG 13 per last grenen delen; Rotterdam NLG 17 per 2.400 kilo tarwe.


31 mei 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 mei. Heden namiddag werd, in het lokaal De Eensgezindheid op het Spui alhier, de algemene vergadering gehouden der Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij. Zij werd door een aanzienlijk aantal aandeelhouders bijgewoond en door de voorzitter van Commissarissen Jhr. C. Hartsen gepresideerd. De directeur Bijleveld bracht het algemeen verslag uit. Daaruit bleek dat de winst- en verliesrekening op de balans van 1875 een nadelig saldo oplevert van NLG 195.368,63. Het Bestuur deelde mede, dat dit saldo op de helft had kunnen worden teruggebracht, door de waarden van het reservefonds, ten bedrage van NLG 117.416,72, weder onder de activa op de balans op te nemen. Deze overboeking, waartoe nog elke dag kan worden besloten, is echter nog niet geschied. De bestemming toch van het reservefonds is geen andere dan om juist daarmede voorkomende verliezen te bestrijden. Als redenen dezer ongunstige uitkomst vermeldde het verslag onder anderen de verhoging van assurantiepremiën, de gestadige afname van uitvoeren van geraffineerde suiker naar de Middellandse Zee, en de mede reeds in het vorige jaar voorziene noodzakelijkheid om de voor de Amerikaanse vaart gebouwde grote schepen te laten stil liggen. Daarenboven heeft zich in de handelswereld een ongekende stilte en lusteloosheid geopenbaard, waarvan een daling der vrachten het gevolg is geweest, zo ernstig als sinds het bestaan der Maatschappij niet is gekend.
Wij ontlenen aan dat verslag o.a. de woorden tot kenschetsing van de toestand.
“Er zijn van onze schepen uit de Zwarte Zee met graan naar het Noorden vertrokken tot vrachten van NLG 20,- per last, zijnde ongeveer de helft van het ongunstigste vrachtcijfer der vorige jaren. Vanuit de Oostzee bleek het uiterst moeilijk zelfs tot NLG 12,- à NLG 15,- per last ladingen bijeen te brengen, en naar de Middellandse Zee en Levant moesten onze schepen zich dikwijls met kolenladingen tot ballastvrachten tevreden stellen.
Zelfs het najaar, dat anders onze goede tijd pleegt te zijn, bracht dit jaar geen beterschap aan. Onder zulke omstandigheden kon het wel niet anders of de vaart moest verliesgevend zijn.
Er werden gemaakt de volgende reizen: 21 naar de Middellandse Zee, 2 naar Spaanse havens, 17 naar de Levant, 21 naar Bordeaux, 3 naar Bremen, 2 naar Hamburg, 2 naar Kopenhagen, 15 naar Dantzig, 17 naar Stettin, 20 naar Koningsbergen, 1 naar Gothenburg, 12 naar Reval, 19 naar Riga, 12 naar Petersburg. Tezamen 164 reizen.
Er werden vervoerd 267.218 tons van 1.000 kilo, tegen 198.432 tons in 1874 en 192.120 in 1873. Het cijfer der bevaren vrachten bedroeg NLG 3.107.800,-, tegen NLG 3.631.508,- in 1874 en NLG 3.723.739,- in 1873. Bij een groter vervoer werd er dus in 1875 NLG 570.000,- minder aan vracht ontvangen dan het jaar tevoren, het noodlottige gevolg van de daling der vrachten. De averij-rekening toont een verlies aan van NLG 38.369,99½, tegen slechts NLG 24.318,90½ in het vorig jaar. Ook de kosten van onderhoud en reparatie bereikten dit jaar een hoger cijfer, namelijk NLG 429.475,94½, tegen NLG 360.772,08½ in 1874, echter zijn daaronder begrepen NLG 131.895,97 voor nieuwe machines. Aan premie van assurantie werd betaald NLG 275.743,31, tegen NLG 222.552,51½ in het vorige jaar.
Als men de rekening van dit jaar met de vorige vergelijkt, zal men ontwaren dat bijna ieder der gewone verliesposten ditmaal groter en ieder der gewone winstposten kleiner zijn geweest.
Twee onzer schepen hadden in het najaar van verleden jaar min of meer belangrijke averijen. Het waren de POLLUX, die 18 oktober met gebroken schroefas te Ferrol werd binnengesleept, en de ASTREA, die 8 november tussen Calmar en Carlskrona strandde, doch gelukkig werd afgebracht. Beide schepen hadden, tengevolge van dien, een vrij langdurige reparatie te ondergaan en moesten wij ze gedurende die tijd in onzer geregelde lijnen missen.”
Aan het slot van het verslag werd hulde gebracht aan de verdiensten van de om redenen van gezondheid aftredende directeur, C.A. von Hemert, een der oprichters der Maatschappij, wiens bedanken als een groot verlies voor de Maatschappij wordt betreurd, zo namens de Directie, alsook bij monde van de Voorzitter, namens Commissarissen. Na goedkeuring der balans, deelde de Voorzitter mede, dat het Bestuur eenstemmig van oordeel was, dat voorlopig de voor de Amerikaanse vaart bestemde schepen moesten blijven stilliggen, daar anders in de tegenwoordige omstandigheden grote verliezen zouden zijn te wachten. De vergadering verenigde zich mede eenstemmig met dat gevoelen. Vervolgens kwam aan de orde de vraag, of, in plaats der afgetreden directeuren M.H. Insinger en C.A. von Hemert, twee directeuren zouden worden benoemd, of dat slechts één directeur aan de tegenwoordige drie directeuren zou worden toegevoegd. De meerderheid van het Bestuur stelde voor in laatstgemelde zin te besluiten, aangezien na het afreden van de heer Insinger reeds enige tijd met vier directeuren was gewerkt en dat aantal voor het tegenwoordige voldoende voorkwam. Ter vervulling der vacature Von Hemert werd voorgedragen een drietal, bestaande uit de heren G.A. Croockewit, jhr. G.A. Tindal en J.C. van Heukelom. De Voorzitter deelde mede dat allen serieuze kandidaten waren. De heer Bronkhorst vroeg of het Bestuur in deze eenstemmig was geweest. De voorzitter antwoordde ontkennend. De Directie en de minderheid van commissarissen waren voor de benoeming van de heer Croockewit, de meerderheid van commissarissen voor die van de heer Tindal. Eerstgemelde is als chef de bureau op het kantoor werkzaam, laatstgenoemde werd aanbevolen als een nautische specialiteit. De directeur Raman gaf daartoe uitgenodigd als het gevoelen der Directie te kennen, dat de heer Croockewit, directeur der Rijnstoombootmaatschappij, wegens zijn handelskennis, ook in verband met het spoorwegverkeer, een zeer gewenst kandidaat was. Hij had reeds bij de vorige vacature op de voordracht gestaan en was sedert als chef de bureau tot groot genoegen der Directie werkzaam geweest. Na enige discussies stelde Z.K.H. prins Hendrik voor om twee directeuren te benoemen, één in deze vergadering en één in een over 3 weken bijeen te roepen buitengewone vergadering. Z.K.H. meende, dat op die wijze het best zou kunnen worden medegewerkt om de noodzakelijke harmonie tussen commissarissen en directeuren te herstellen. Z.K.H. was voorts van oordeel dat er vier directeuren te Amsterdam moesten zijn, nevens één in Rotterdam, en dat onder hen een man van nautische kennis moest worden aangetroffen, die als technicus zelf over stoomschepen kon oordelen. Het voorstel werd o.a. door de heer A.C. Wertheim ondersteund, in het belang der Maatschappij met het oog op de eenheid in het bestuur. Over de in de boezem daarin gerezen verschillen ontstond een discussie tussen de heer Burger uit Rotterdam (een der commissarissen), de directeuren Raman en Bijleveld en mr. J.C. de Vries. Naar aanleiding daarvan bleek dat er alleen op dit punt verschil had bestaan.
Het voorstel van Z.K.H. prins Hendrik om twee directeuren te benoemen, mede ondersteund door de Voorzitter, werd met 129 tegen 61 stemmen verworpen. De directeuren en de minderheid van Commissarissen stemden tegen. Z.K.H. gaf daarop te kennen dat hij zeer betreurde het verwerpen van zijn conciliatievoorstel. Hij merkte voorts op dat in een onder de aandeelhouders te ’s-Gravenhage verspreid schrijven een onbehoorlijke blaam was gelegd op de heer Tindal en diens loyaliteit. De heer Willink keurde naamloze strooibiljetten van die strekking ook zeer af, maar was van oordeel dat de heer Croockewit, als daaraan geheel vreemd, door deze mededeling niet mocht worden benadeeld. De heer Wertheim bracht hulde aan de verdienste en de loyaliteit van de heer Tindal, maar meende dat de Vergadering geen keuze van dit gewicht mocht doen in strijd met de zienswijze der Directie. Hij sprak de wens uit dat het Bestuur zich nader zou verstaan en in de geest van het voorstel van Z.K.H. de Prins de benoeming van een nieuwe directeur aan de Vergadering zou voorstellen. Tot stemming overgegaan werd met 131 stemmen tot directeur gekozen de heer G.A. Croockewit. Op jhr. G.A. Tindal hadden zich 52, op de heer Van Heukelom 2 stemmen verenigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 30 mei. Ten gevolge der aanvaring van Zr.Ms. monitor ADDER met de NOACH IV is van eerstgenoemde bodem een ijzeren plaat onder de pantsering ingestoten, waardoor een der waterdichte schotten volgelopen is (opm: bedoeld zal zijn de ruimte voor en/of achter dit schot). Het vaartuig, dat in het droge dok staat, zal alhier worden hersteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 mei. Het Nederlands galjootschip CORNELIA, kapt. H.H. Nieboer, van Lissabon naar Vlaardingen, is volgens telegrafisch bericht in de Golf van Biskaje in zinkende staat door het volk verlaten dat gered en te Barcelona is aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 30 mei. Gisteren is alhier binnengebracht de Engelse kotter YH 129, zijnde door het volk verlaten; volgens aanwezig register gevoerd geweest door kapt. Crawford.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 4 mei. Het schip JOHANNA MARIA, kapt. Korff, van Gualeguaychu naar Falmouth 26 maart lek alhier aangekomen, heeft de uit 346 vaten talk bestaande lading, die gelost was; weer aan boord genomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 18 mei. Het schip FRITZ, kapt. H. Izaaksen, van New Orleans naar Havre bestemd en te Brunswick afgekeurd, is de 9e mei verkocht voor USD 5.625.


  AH - Algemeen Handelsblad

Katerveer, 29 mei. Langs de nieuwe waterweg van Zwolle naar zee zijn alhier uit Bordeaux binnengekomen de kofschepen BARON SLOET TOT OLDHUIS, kapt. Van Gelder en JANSJEN, kapt. Niggebrugge, beide met een lading wijn voor de firma Doyer & Pruimers te Zwolle.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 30 mei. De vraag naar scheepsruimte was heden gering. Gedaan werd voor de kolenhavens aan de Oostkust tegen Sh.11/- en voor Londen of de Oostkust tegen Sh.15/6 per 10 quarters haver met gratificatie.


01 juni 1876


  AH - Algemeen Handelsblad

De aandeelhouders in de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij hebben gisteren op de algemene vergadering, te Rotterdam gehouden, met 137 tegen 6 stemmen het voorstel van de directie en commissarissen goedgekeurd, om het maatschappelijk kapitaal van 2 op 1 miljoen te brengen en de tantièmes op de helft te verminderen.
De heer N.J. van Hall maakte wettelijke en zedelijke bezwaren tegen de kapitaalsvermindering en zou de voorkeur hebben gegeven aan de opening van een bijzondere rekening voor verliespost, of aan gehele liquidatie of aan gedeeltelijke door uitkoop van mismoedigde aandeelhouders. Hij werd echter door de voorzitter, Mr. M. Mees, en door de heer Pincoffs bestreden.
Uit hun ophelderingen bleek, dat de Regering zich nooit tegen zulke wijzigingen van statuten verzet heeft, zodat er geen wettelijk bezwaar bestaat; ook moreel is er geen bezwaar, want er is slechts één crediteur die een miljoen heeft geleend, en deze neemt volkomen genoegen met de maatregel. Blijft het kapitaal onveranderd, dan kan in de eerste 10 jaren geen dividend worden uitgekeerd. De grote meerderheid stemde daarmee in.
Tot commissaris werd benoemd de heer J.E. Scholten; herkozen de heren Mr. M. Mees, H. Molenaar en L. Pincoffs.


02 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. De aanbouw van kotters voor het loodswezen wordt krachtig doorgezet. Gisteren zijn er door de scheepsbouwmeester P. Haverkamp alhier vijf opgeleverd en naar Willemsoord vervoerd, één is bij P. van Goor te Hasselt in aanbouw en bijna gereed en drie zijn dezer dagen op stapel gezet op de werf van de firma Van der Hoog & Co. alhier.


03 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 22 april. Vrachten. In de toestand van onze markt is geen verandering gekomen, de vraag blijft lusteloos en zijn de koersen flauw. De afsluitingen zijn: De Nederlandse stoomboot MADURA, naar Nieuwediep NLG 50 particuliere tin, NLG 70 rijst en koffie, NLG 75 à 80 tabak, NLG 80 à 85 thee, NLG 110 à 115 huiden, NLG 120 indigo; de Nederlandse GRAAFSTROOM naar Amsterdam, NLG 55 tabak, NLG 65 koffie, NLG 85 huiden, NLG 60 thee, te Tjilatjap en hier te laden; de Nederlandse GEZUSTERS naar Amsterdam, NLG 70 koffie, te Padang te laden.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, PROFESSOR VAN DER BOON MESCH, WIJK AAN ZEE, NICOLAAS WITSEN, JOHANNA, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, LOUIS AUGUST CONSTANTIN, KRIMPEN A/D LEK, JONGE JAN, CALIFORNIE, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 1 Juni. Het Nederlandse schip FRITS, kapt. Isaachsen, is te Brunswick afgekeurd en voor 5.825 dollar verkocht; dit is het vierde schip dat onder dezelfde lengte en breedte op hetzelfde wrak gestoten heeft of vergaan is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 2 juni. Scheepsvrachten. Er kwamen nog enige bevrachtingen voor Engeland tot stand. Klein charter bedong Sh.15/6 voor Londen of de Oostkust, of Sh.12/- naar de kolenhavens aan de Oostkust, per 10 quarters haver met gratificatie. Voor groot charter werd zes pence per 10 quarters minder besteed.


04 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 2 juni. De Nederlandse brik WILLEM VAN DEN BEY, kapt. Manneken, van Christinastad naar Vlaardingen, geraakte gisteren bij Christiansöe aan de grond, doch kwam zonder schade vlot en aldaar in de haven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carolinensiel, 29 mei. Het schip ANTJE, kapt. Heijenga, van Pitea naar Weener bestemd met hout, in november op Wangeroog gestrand, is 27 mei af- en alhier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 31 mei. De Nederlandse brik VRIENDSCHAP, kapt. Kruize, van Gloucester naar St. Petersburg, gisteren alhier gepasseerd, heeft op de reis de kluiverboom gebroken en enige zeilen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stormpolder, 31 mei. Heden is van de werf De Hoop, van de heer C. van der Giessen, met goed gevolg te water gelaten een ijzeren schroefstoomboot, genaamd STAD GOUDA, voor rekening van de heren Jan Pot & Co., bestemd tot vervoer van passagiers en goederen tussen Gouda en Rotterdam, vice versa. De machine van zestien paardenkracht is vervaardigd op de fabriek van de heren Burgerhout en Kraak te Rotterdam.


06 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 juni. Volgens brief van kapt. Annokkee, voerende het Nederlands schip VICE ADMIRAAL MAY, van Macassar herwaarts, d.d. St. Helena 27 april, had hij op 20˚ ZB 82˚ OL een hevige storm doorgestaan, waarbij fok en voorstengen, stagzeil verloren gingen, verschansing, sloep en watervaten weggeslagen en over boord geworpen werden en vele deknaden sprongen, waardoor water naar binnen drong, zodat de kapitein vreest voor schade aan de lading. Het schip was dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 juni. Het schip SKJÖLD, kapt. Larsen, van Drammen, is op de Onrust gestrand. De equipage is met moeite gered. Het schip is vol water, ligt geheel op zijde en zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 mei. Vrachten. De toestand van de markt bleef sedert het laatste bericht even treurig, en hadden er bijna geen afdoeningen plaats. Naar Nederland werd een volle lading suiker aangenomen tot NLG 50. Naar het Kanaal had weer een afdoening in de roes plaats voor stroopsuiker. Voor koffie van Padang naar New York werd een schip opgenomen tot GBP 2.5/-. Voor een lading van hoogstens 15.000 picols rijst van Saigon naar hier werd een schip gevraagd, en NLG 0,60 per picol bedongen. Van Rangoon naar het Kanaal kwam een order in de markt, doch was er geen schip van de vereiste grootte, plus minus 750 register ton, genegen de geboden vracht à GBP 2.12.6 te accepteren. In kustvrachten werd niets gedaan, stoomboten laden tabak tot NLG 65 à 90; de laatste afdoeningen zijn: naar Nederland, de volgende Nederlandse schepen: stoomschip CONRAD, NLG 90 voor tabak, NLG 120 voor indigo, NLG 100 voor thee, NLG 50 voor particulier, NLG 30 voor Factorij tin naar Amsterdam, PROFESSOR VAN DER BOON MESCH à NLG 50 voor suiker uit de Oosthoek naar Amsterdam. Naar Saigon het Nederlandse schip NICOLAAS WITSEN à NLG 0,60 per picol rijst naar Batavia.


07 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 juni. De Noorse schoener SKJÖLD, kapt. Larsen, van hier in ballast naar Drammen bestemd, is door weigering van wenden en het breken van de ketting van zijn uitgeworpen anker op Onrust gestrand. De opvarenden, 7 man en de loods, zijn door Helderse vletterlieden hedenmiddag van boord gehaald. Van schip en tuig zal niets geborgen kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 6 juni. De Noorse schoener SKJÖLD, op Onrust gestrand, is geheel afgetakeld en zijn de masten er uit gelicht; alles is hier aangebracht. De vletterlieden hebben geaccordeerd voor 1/5 bergloon.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 6 juni. De vraag naar scheepsruimte bepaalde zich heden tot de voorhavens van Frankrijk en besteedde man Ffrs. 22 per 30 hectoliter haver met Ffrs. 25 gratificatie.


08 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 7 juni. Heden is op de werf van de Wed. C. Boele & Zonen de kiel gelegd van de schroefsleepboot TRUIDA EN WILLIE, voor rekening van de heren Thomassen & Coers te Nijmegen, waarvoor de machine zal worden vervaardigd in de fabriek van de heren W. de Bruin & Co., te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. De sleepboot ANGLIA, op sleeptouw hebbende het Nederlandse stoomschip PRINSES AMALIA, kapt. Fabritius, bestemd naar Glasgow, is 4 juni te Malta aangekomen en zou de 6e weder vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Het Nederlands schip SLAMAT, kapt. De Greeve, van Amsterdam naar Samarang, is te Deal binnengelopen tot herstelling van enig gebroken ijzerwerk in het tuig. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 7 juni. Het wrak van het stoomschip GRONINGEN, heeft in publieke veiling opgebracht NLG 2.000; koper is de heer Von Lindern te Alblasserdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 6 juni. Volgens bericht van Dragör, zou er op de ZW punt van Dragör Sands een Nederlandse stoomboot aan de grond zitten. Nadere bijzonderheden ontbreken nog. (opm: de SIRIUS, zie NRC 090676)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen op 7 juni, in de Brakke Grond te Amsterdam:
- het Nederlandse fregatschip JAN PIETERSZOON KOEN, laatst gevoerd door kapt. Ouwehand, groot 775 tonnen, opgehouden voor NLG 28.000.
- 5/64 aandelen in het Nederlandse barkschip GEESIENA MARIA, kapt. Ridder, opgehouden voor NLG 1.300.


  JB - Javabode

Het stoomschip HOLLAND van de Stoomvaart-Maatschappij Java vertrok tegen het einde der vorige maand voor rekening der Stoomvaart-Maatschappij Nederland naar Indië. Wanneer eerstgenoemde maatschappij zich bij de Maatschappij Nederland gevoegd heeft, vertrekt er geregeld om de veertien dagen een boot. De stoomschepen van de Java zullen, uitgezonderd de CELEBES, voornamelijk voor goederen bestemd worden en de dienst wordt zodanig geregeld, dat om de andere een mailboot en een goederenboot het Nieuwediep verlaat.


09 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gisteren is met goed gevolg van de werf van de heren Walker, Stronck & Van Delden alhier (opm: Rotterdam) te water gelopen de schroefsleepboot ZELDEN RUST, voor rekening van de heer M. Bos Czn. alhier. De machines met toebehoren van bovengenoemde boot werden door dezelfde firma vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 7 juni. Het stoomschip SIRIUS, van Reval naar Rotterdam met tarwe en kanonnen, is op Dragör bank aan de grond geweest, doch door assistentie van Svitzer weer vlot gekomen. Enige lading is in lichters gelost en is het stoomschip waarschijnlijk zonder schade alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping, in één zitting. De notaris Jan Pieter Roeland Suringar, residerende te Rotterdam, zal op dinsdag de 27e juni 1876, des namiddags ten 12 ure, in het Notarishuis aan de Gelderschekade alhier, om contant geld, in het openbaar veilen en verkopen een sterke en welbezeilde, nieuwe overdekte hektjalk genaamd DIRKJE HELENA, varende onder Nederlandse vlag, vroeger gevoerd door wijlen schipper Tacke van der Veen, groot circa 59 tonnen, met deszelfs mast, rondhout, staand en lopend want, ankers, touwen, watervat, kettingen en hetgeen verder tot een volledige inventaris behoort, zoals het thans is liggende in de Zuid Blaak, nabij de Houtbrug alhier.
Het is dagelijks te zien, uitgezonderd des Zondags.
Dadelijk te aanvaarden bij de betaling, na afloop van de verkoop.
Nadere informatiëb zijn te bekomen ten kantore van voornoemde notaris Suringar aan de Leuvehaven No. 99, alsmede ten kantore van de notaris Mr. J.F.A. Leesberg te 's-Gravenhage.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 8 juni. Het fregatschip JAN PIETERSZOON KOEN, gisteren in veiling opgehouden, is door tussenkomst van de makelaar J.W. Held uit de hand verkocht aan de heer D. Held.


  AH - Algemeen Handelsblad

Batavia, 3 mei. Vrachten. Naar Nederland werd een volle lading suiker aangenomen tot NLG 50. Voor koffie van Padang naar New-York werd een schip opgenomen tot GBP 2.5. Voor een lading van hoogstens 15.000 pikols rijst van Saigon naar hier werd een schip gevraagd en NLG 0.60 per pikol bedongen. Stoomboten laden tabak tot NLG 65 à 90; de laatste afdoeningen zijn: Nederlands stoomschip CONRAD, NLG 90 voor tabak, NLG 120 voor indigo, NLG 100 voor thee, NLG 50 voor particulier, NLG 30 voor factory tin naar Amsterdam. Nederlandse PROF. VAN DEN BOON MESCH à NLG 50 voor suiker uit de Oosthoek naar Amsterdam.


10 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons uit Amsterdam: Het Amerikaanse schip ERNESTINE, ten vorigen jare op het Hasbrozand vastgeraakt, waardoor het midscheeps brak, werd later afgebracht, naar herwaarts overgevoerd en als afgekeurd verkocht.
Het heeft daarna een uit scheepsbouwkundig oogpunt belangrijke bewerking ondergaan, die uitmuntend is geslaagd; men heeft namelijk op de breuk stempels geplaatst, die een eind boven het dek uitstaken en met jukken aan elkander verbonden waren; voorts aan het achter- en aan het voorschip onder de kiel door kettingen bevestigd en die boven de jukken met zware gijns stijf gehaald en zo de romp weder rechtgezet; in een der drijvende droge dokken heeft het de verder nodige herstellingen ondergaan, en thans is het fraaie schip van ongeveer 2.000 ton inhoud in uitmuntende staat opgeleverd.
De firma Reiger & Co. is eigenaar van de bodem, en zal die onder de naam PRESIDENT TRAKRANEN in de vaart brengen. (opm: de ERNESTINE was weliswaar in Amerika gebouwd, maar voer toen al onder Nederlandse vlag; zie onder meer NRC 280375)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 8 juni. Het Nederlands schip PHOENIX, kapt. Van der Hoef, van Riga naar Dordrecht, is zwaar lek en na de deklast overboord geworpen te hebben te Christiansand binnengelopen. Het moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 2 juni. De Nederlandse brik WILLEM VAN DEN BEIJ, kapt. Manneken, te Christiansoe binnengelopen na aan de grond gezeten te hebben, is onbeschadigd bevonden, heeft de geloste lading weder ingenomen en de reis vervolgd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. E. Larsen, gevoerd hebbende het op de Haaks gestrande Noorse schoenerschip SKJÖLD, presenteert, op dinsdag 13 juni 1876, des avonds ten 7 ure, in het lokaal Tivoli te Helder, ten overstaan van de notaris B. Werendlijn Smit, in het openbaar te verkopen de van gemeld schoenerschip geborgen inventaris, als: zeilen, ankers, kettingen, touwwerk, rondhouten, boten en wat verder gepresenteerd zal worden. Te bezichtigen bij en in de bergplaats van de heer H. Burgers, te Helder, achter het logement van de heren Weddepohl en Van Essen.
Voorts het wrak, zoals het op de Haaks is zittende.
De inventaris te bezichtigen maandag a.s.
Informatiën bij de heren cargadoors Amons & Co., te Nieuwediep en bij genoemde notaris te Helder.
(opm: vergelijk LC 180676)


  AH - Algemeen Handelsblad

Rønne (Bornholm), 2 juni. Het Nederlandse schip WILLEM VAN DEN BEIJ, kapt. Manneken, van Christinastad naar Vlaardingen, is gisterenochtend bij dikke mist, te Christiansoe aan de grond geraakt, doch met assistentie, tegen een bergloon van 3000 Kr, en na een gedeelte van de lading gelost te hebben, weer af- en te Christiansoe binnengebracht. Het schip had
weinig geleden.


11 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 10 juni. Het wrak en de alhier aangebrachte goederen van het op de Maasdrooge gestrande stoomschip GRONINGEN, 7 en 8 dezer publiek verkocht, hebben gezamenlijk opgebracht ruim NLG 9.200.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juni. Het Nederlandse schip SOERABAIA, kapt. Zwaneveld, is volgens telegrafisch bericht 1 dezer van Greenock, laatst van Rio de Janeiro, te Anjer aangekomen. (opm: het dokschip)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het Franse barkschip BELLE JUSTINE, gebouwd in 1862, gemeten op 375 ton, ladende 575 ton steenkolen, zeer geschikt voor de houtvaart. Nadere inlichtingen bij kapt. Amice aan boord, Entrepotdok, of bij de cargadoor P.& N. de Jong.


12 juni 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 juni. Gisteren arriveerde hier de nieuwgebouwde koftjalk TWEE GEZUSTERS, kapt. B. Vos, van Sappemeer, groot 80 ton, gebouwd bij C.M. Maathuis te Sappemeer.


13 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 11 juni. Volgens heden ontvangen telegram uit Archangel, is het Nederlands schip CASPAR DE ROBLES, kapt. Van Slooten, van Hamburg naar Archangel, de 4e dezer van het ijs doorgesneden en bij Cross Island gezonken. De equipage is gered en 9 dezer te Archangel aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 mei. Vrachten. Onveranderd, met weinig vraag en vrij flauw; naar Holland:
per stoomboot NLG 72½ voor koffie, NLG 90 voor tabak en NLG 50 voor tin;
per zeilschip NLG 50 per last suiker en koffie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Samarang (direct), en Passarouang ligt te Amsterdam in het Oosterdok te laden, expeditie begin juli, het nieuw gekoperd Nederlands fregatschip PRESIDENT TRAKRANEN 3/3 L 1.1 Veritas, A I Nederlandsche Vereeniging, A I Engelse Lloyd, A I Germanischer Lloyd, kapt. K. Hoekstra, uitmuntend ingericht voor passagiers.
Adres bij de reders F.U.H. Reiger & Co., of de cargadoors Hoyman & Schuurman, te Amsterdam. (opm: eerste reis onder de naam PRESIDENT TRAKRANEN)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 7 juni. Scheepsvrachten. Gesloten werd naar Emden 20 mark per last grenenhout, Cherbourg Ffrs.33 en 15%, Nantes Ffrs.35 en 15% voor eiken-, Bordeaux Ffrs.30 en 15 % voor grenenhout; Wisbeach Sh.14/3 per load eikenhout; Grimsby Sh.13/- voor eiken-, Sh.11/- voor grenenhout; Duinkerken Ffrs 26 en Bordeaux Ffrs.30 per 2.000 kilo bruto melasse; Petersburg 12 kop. per ctr. kalksteen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 3 juni. Scheepsvrachten. Men bewilligde naar Oost-Noorwegen en Rostock 18 mark, Delwe 20 mark, de Elbe 24 mark, Kiel 17 mark per 5.000 ponden, naar Vegesack 221/2 mark per 4.300 ponden, de Eems 19 mark, Colberg 13 mark, Stolpemünde 12 mark per 4.520 ponden rogge; naar Brake 21 à 211/2 mark per 80 kub. voet hout; naar Nantes of Havre Sh.30/- per ton hennep.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 3 juni. Scheepsvrachten. Gesloten is naar Delfzijl 20 c. per oude Amsterdamse voet Hollandse balken, NLG 32 per tult Noorwegen 10" kapbalken; Aberdeen Sh.31/- per ton hennep; de oostkust van Schotland Sh.14/- per ton raapkoeken; Dundee Sh.30/- per ton vlas; Devonport Sh.36/- per ton hennep; Montrose Sh.16/- per load muurlatten; Aalborg 1 kr. 5 öre per uitgeleverde ton rogge; Londen Sh.2/8 per 400 ponden hennepzaad, Sh.2/3 per 320 ponden haver.


  JB - Javabode

Batavia, 13 juni. De stomer BROMO is heden naar Krakatau vertrokken met het doel het dokschip SOERABAIA van daar naar het eiland Amsterdam te slepen.


14 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden ontsliep zacht en kalm te Elseneur, tot grote droefheid van mij, mijn kinderen en behuwdkinderen, onze brave, geliefde en onvergetelijke man en vader J. van Eijk, in leven kapitein op het Nederlands brikschip CLEMENS FLORENTINUS, in de ouderdom van 64 jaar, na een genoeglijke echtvereniging van 37 jaren.
De Heere, hoop ik, geve mij sterkte voor deze zo een onverwachte beproeving.
Vlissingen, 11 juni 1876, Wed. E. van Eijk, geb. Schink.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 juni. De vraag naar scheepsruimte was over het geheel gering. Gedaan werd naar Londen of de Oostkust tegen Sh.15/6 per 10 quarters en naar de voorhavens van Frankrijk tegen Ffrs.22 per 30 hectoliter haver met gratificatie.


15 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 14 juni. Het wrak van het op de Haaks gestrande schoenerschip SKJÖLD heeft in publieke veiling NLG 382 en de inventaris NLG 1.471 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 11 juni. Het Nederlands schip NEPTUNUS, kapt. Blijstra, van Newcastle naar Kroonstad, heeft bij Laesoe aan de grond gezeten, doch is met assistentie vlot gekomen en hier gearriveerd. De NEPTUNUS is door duikers onderzocht, heeft geen schade geleden en de reis vervolgd. Om het schip vlot te maken was voor GBP 200 akkoord gemaakt. Ook is een gedeelte van de lading over boord geworpen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 14 juni. Gisteravond vertrok uit het Oosterdok alhier het Nederlandse schip WAALSTROOM, van de firma Meijjes en Zonen, beladen met materieel voor de spoorweg van Delagoa-baai naar de grens van de Zuid-Afrikaanse Republiek.
Aan boord bevinden zich de heren A.F. Zuiderhoek, D.F. Krook, G. Roelfsema, A. van Houten, J. van Houten en C. van Houten, die allen aan genoemde spoorweg werkzaam zullen zijn, de eerste als opzichter, de anderen als smid, bankwerker en timmerlieden.
Eergisteren brachten de heer Roland Holst, consulgeneraal van de Transvaalse Republiek, de heer Bruinier en de heer C. van Vlissingen een bezoek aan het schip om de vertrekkenden hun afscheidsgroet te brengen. Van de top van de mast woei de Transvaalse
vlag, rood, wit en blauw met groen aan de stok, de eerste, die ooit op een Nederlands schip mocht prijken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Elseneur, 11 juni. Het Nederlandse schip NEPTUN, kapt. Keun, van Newcastle met cinders naar Kroonstad, is 6 dezer op Kobbergrund (eiland Laesö) aan de grond geraakt, doch na een gedeelte van de lading over boord te hebben geworpen, met assistentie weer vlot geworden; bergloon GBP 200. Het schip is hier in de haven gekomen om door duikers onderzocht te worden.


  JB - Javabode

Batavia, 15 juni. Heden morgen is het stoomschip BROMO met het dokschip SOERABAIA op sleeptouw behouden gearriveerd.


16 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 14 juni. De heren Van Zeijlen & Decker alhier hebben wegens onvoldoende ondersteuning besloten geen uitvoering te geven aan hun voornemen tot oprichting van een stoomvaart-rederij van Middelburg op Java.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Archangel, 9 juni. In de Witte Zee is veel ijs. Het Nederlandse schip ELEANOR, met zout, is verloren.


17 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.F.L. Meijjes, W. Bakker Bz., A. Vinke en H.J. Daam, makelaars, presenteren op maandag 3 juli1876, des namiddags ten 3 ure, in het lokaal de Witte Zwaan op de Nieuwedijk te Amsterdam, ten overstaan van de notaris Mr. W.S.J. van Waterschoot van der Gracht, te verkopen het extra snel zeilend, gekoperd en kopervast fregatschip, genaamd STAATSRAAD VAN EWIJCK, varende onder Nederlandse vlag, laatst gevoerd door kapt. H. Bakker, volgens Nederlandse meetbrief lang 43,50 meter, breed 6,81 meter, hol 5,69 meter en alzo gemeten op 749 tonnen of 396 lasten. En dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften. Breder bij inventaris vermeld. Het schip ligt in de Wittenburgergracht te Amsterdam.
Iemand, nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars of de cargadoor G.W. van Barneveld Kooij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het te Vlaardingen liggende Italiaanse barkschip ED ERA, 1.00 L 1.1. Italiaansche Lloyd tot 1878, 519 registerton, 850 deadweight.
Nadere informatiën bij de cargadoor N.A. van Charante.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 15 juni. Kapt. Van der Zee, voerende het Nederlandse VIER GEBROEDERS, van Banjoewangie alhier binnen, rapporteert op 26°22' ZB 63°46' OL een hevige orkaan te hebben doorgestaan, waarin enige zeilen en waarloze spieren verloren gingen.


  JB - Javabode

Batavia, 17 juni. Het ramtorenschip PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN is onlangs van Nederland alhier ter rede aangekomen.


  JB - Javabode

Batavia, 17 juni. Bij de heden gehouden inschrijving door de Factorij is opgenomen het Nederlandse schip CALIFORNIË à NLG 64,95 naar Amsterdam.


18 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d Lek, 16 juni. Heden werd alhier met goed gevolg te water gelaten van de werf van de heren J. & K. Smit de kolossale ijzeren schipdeur bestemd voor het droge dok van de heren Van Zeijlen en Decker te Middelburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiedam, 17 juni. Door kapt. Kromann van het Deense schoenerschip LYDIA is op circa 20 mijl van Texel in de Noordzee opgevist een circa 5 voet lang zwart naambord, waarop met witte letters stond HARMONIE.


19 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 25 april. Men deelt ons mee, dat het Nederlands-Indische zeilschip JOHANNA ELISABETH, kapt. De Roever, met een lading Gouvernement-steenkolen de 13e april op het eiland Letti, beoosten Timor, gestrand is; het schip lag voor drie ankers en is hiervan weggeslagen.
Het vaartuig met lading is totaal verloren, de bemanning gered. De bevolking heeft alles wat van haar gading was, als: masten, tuigage, ijzerwerk, enz., geroofd.
De kapitein met 15 man bevinden zich nog te Letti en hebben gelukkig een maand vivres bij zich, de 1e stuurman is met 14 man in een sloep naar Timor Dehli vertrokken, kwam na 7 dagen reis aldaar aan en is met zijn ondergeschikten, door de stomer ALEXANDER (opm: waarschijnlijk de PRINS ALEXANDER van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij), kapt. Buijs, van daar naar Soerabaja overgebracht en heden alhier gearriveerd.


  JB - Javabode

De Gouvernements-stomer SIAK, gestationeerd op de Simpang-Olim-rivier is de 21e april naar de monding gestoomd om een nauwkeurig onderzoek in te stellen naar de gevolgen van een brand, uitgebroken ter hoogte van de stoomketel, welke, hoewel spoedig ontdekt en geblust, een niet onbelangrijke schade aan het schip scheen te hebben toegebracht.


20 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 17 juni. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. v.d. Kuijl te water gelaten de kanaalschroefstoomboot VOLHARDING NO. 6, voor rekening van de schroefstoombootmaatschappij De Volharding te Leiden. De stoommachines worden vervaardigd in de fabriek van de heren Diepeveen, Lels & Smit aan de Kinderdijk.
Daarna is de kiel gelegd van een sleepschroefstoomboot voor rekening van de heer A. Bos te Alblasserdam, de stoommachines worden vervaardigd in de fabriek van de heer B. Wilton te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 19 juni. Heden is alhier van de werf van de heer F.H. von Lindern met het beste gevolg te water gelaten het gekoperd driemastschip DELIANE, reder de heer J. Veth, te Amsterdam, groot 1.415 ton, bestemd voor de grote vaart, zullende gevoerd worden door kapt. C.G.A. von Lindern.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juni. Het stoomschip PRINSES AMALIA is in de ochtend van 18 juni van Gibraltar vertrokken, gesleept door de sleepboot ANGLIA. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 29 april. De Nederlandse schoener GESINA, kapt. Mulder, is alhier bevracht naar Hong Kong via Newchwang en Chefoo voor 25 cent (dollar) per picol.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 mei. Vrachten. De disponibele scheepsruimte blijft groot en de vraag gering, zodat er geen verbetering omtrent onze markt gemeld kan worden. De afsluitingen zijn: De Nederlandse PROFESSOR VAN DER BOON MESCH, naar Amsterdam, NLG 50 voor suiker te Soerabaja; de Nederlandse NICOLAAS WITSEN, naar Saigon, rijst naar Java à 60 cent per picol.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, KRIMPEN A/D LEK, JONGE JAN, CALIFORNIE, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, en BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 14 juni. Scheepsvrachten. Gesloten is naar de Maas 21 cent per oude Amsterdamse voet balken, Granville Ffrs. 52 per last hennep, de oostkust van Groot Brtittannië Sh.14-/ per ton raapkoeken, naar Bo´ness Sh.13-/ per load halve vierkante sleepers.


21 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 juni. Volgens brief van kapt. Hoven, voerende het Nederlands schip ANTOINETTE, was hij de 25e maart te Kwandang gearriveerd, na op de 15e maart in een donderbui schade aan tuig en zeilen te hebben geleden. De 21e april zou hij naar Gorontalo vertrekken om het overige van de lading kolen te lossen en daarna weer aldaar, te Kwandang, Toemboeki en Macassar te laden, met bestemming naar Rotterdam; alles was wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 juni. Vraag naar scheepsruimte deed zich heden bijna niet voor en bepaalde de bevrachting zich tot het charteren van een enkel schip voor het kanaal van Bristol tegen Sh.20/- per 10 quarters haver.


  JB - Javabode

Dokschip SOERABAIA. Na een reis van ongeveer elf maanden kwam dit dokschip een achttal dagen geleden, behouden en wel op het eiland Amsterdam aan. Men verwondere zich niet dat spoedig daarop een aantal nieuwsgierigen, meest allen oud-zeevarenden, dus deskundigen, zich haastten om daar een kijkje te nemen. Jongstleden vrijdag werd dit voornemen ten uitvoer gebracht en vertrok men derwaarts per stomer AMSTERDAM.
Op een afstand gezien geleek het op een gewoon schip, hetwelk wel een weinig zonderling was getuigd, maar waaruit men toch geen droogdok kon herkennen. Toen men echter naderbij kwam en alles dus beter was te onderscheiden, bemerkte men dat er geen verschil tussen voor- en achtersteven was te vinden en dat het geheel veel overeenkomst had met een baggermolen. Van de ijzeren ketelbokken waren de masten gefabriceerd, waar de houten stengen waren ingelaten.
Nadat men aan boord, waar alles scheen samengesteld uit steenkolen en ijzer, hetwelk zich tot een klomp had gevormd, rond was gegaan, werd eenparig de gezagvoerder Zwanenveld hulde gebracht voor de moed om hiermede zee te hebben durven bouwen en verzekerde men dat slechts door zijn goede leiding en kunde de reis zo goed was volbracht. De kapitein verhaalde dan ook dat, al bood men hem GBP 1.000 per dag, hij ten tweede male een dergelijke reis niet zou durven ondernemen.
Het was zeer zeker geen bemoedigend vooruitzicht voor genoemde kapitein om deze reis te aanvaarden, nadat een vroeger op dit schip geplaatste Engelse gezagvoerder zulks als onmogelijk had beschouwd.
Men was dan ook niet spaarzaam om hulde te brengen aan de volhardende energie van de gezagvoerder, de stuurlieden en de verdere bemanning.
Op deze verbazend lange reis werd tussen hen de harmonie geen ogenblik verstoord.
Eenparig moesten de bezoekers, na al wat zij gezien en gehoord hadden, dan ook bekennen dat een passende onderscheiding door deze gezagvoerder ten volle verdiend wordt.
Moet men in de meeste dergelijke gevallen naar de vreemde uitzien, thans heeft een landgenoot getoond dat de kalme Nederlandse zeeman de moed van menig bedaarde vreemdeling kan overtreffen. Onder een hartelijke dronk werd de heer Zwanenveld geluk gewenst met de goed volbrachte tocht. Hoogst voldaan kwam men van dit uitstapje terug.


22 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 21 juni. Heden is op de werf van de Wed. C. Boele & Zonen de kiel gelegd van de schroefsleepstoomboot VROUWTJE EN RIKA, voor rekening van de heren C. van der Meer c.s. te Rotterdam. De machines zullen worden vervaardigd in de fabriek van de firma Burgerhout & Kraak te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 13 mei. Het schip MARY EMMA, van Batavia herwaarts, is op Karang Hadji-rif gestrand. Het wrak en de lading zijn te Muntok verkocht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Neuharlingersiel, 14 juni. Door een vissersschip is alhier aangebracht een zwart geverfd naambord, waarop met gele letters TRIENTJE.


23 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 17 mei. Vrachten. De gedrukte stemming, welke over het algemeen in zaken heerst, blijft niet zonder invloed op onze vrachtenmarkt en kan men geen verbetering van de koersen vermelden, die dan ook in deze maand niet te verwachten is. Gedurende de laatste dagen hield de vraag naar scheepsruimte geheel op. Naar Nederland werd 260 last factorij-koffie geaccepteerd tot NLG 55, welk cijfer nog wel te bedingen zou zijn, doch er bestaat weinig kans het nodige lichte goed ter opvulling bijeen te krijgen. De afdoening naar Amerika heeft betrekking op ons bericht van 22 april jl. In kustvrachten werd niets gedaan. De laatste afdoeningen zijn de Nederlandse LOUIS AUGUST CONSTANTIJN NLG 30 part. tin, NLG 55 koffie, NLG 80 huiden, van hier en de kust naar Amsterdam; de Nederlandse stoomboot BORNEO, NLG 65 suiker, NLG 65 à 75 koffie, NLG 65 à 70 tabak, NLG 120 kapok, NLG 105 à 110 huiden, NLG 100 indigo, NLG 100 gutta percha, naar het Nieuwediep.
Onbevrachte schepen op Java: De Nederlandse schepen UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, KRIMPEN A/D LEK, JONGE JAN, CALIFORNIE, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL en NEREUS.


24 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juni. Volgens brief van kapt. Bos, voerende het barkschip HENDRIKA in dato Bantam 14 mei, was hij aldaar van Sumanap gearriveerd en bezig een gedeelte van de lading te lossen. Met het overige zou het schip naar gissing over drie weken naar Telok Betong (Sumatra) vertrekken. Alles was wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 juni. Het Nederlands schip ANTOINETTE, kapt. Hoven, is volgens telegram uit Batavia, op reis van Kwadang naar Gorontalo op een rif geraakt doch met assistentie weder vlot geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Notaris Mr. J. Fresemann Viëtor te Winschoten zal op vrijdag 7 juli 1876, des avonds ten 7 uur, in het Hotel St. Vitus van de heer De Groot te Winschoten, wegens het overlijden van de kapitein, publiek te koop presenteren het gezinkt schoener genaamd VERTROUWEN, groot 173 tonnen, gebouwd in 1862, opnieuw gezinkt in 1875, geclassificeerd bij Veritas voor 5 jaren 3/3 A 1 1 tot 1880 en bij de Nederlandsche Vereeniging A 2 tot 14 mei 1877, met complete inventaris, thans liggende te Hamburg en aldaar dagelijks te bezien.
Informatiën te bekomen bij de heer J. Romkes van der Goot te Sappemeer en bij kapt. H.H. Ludeling te Hamburg aan boord. Inmiddels uit de hand te koop.


  AH - Algemeen Handelsblad

Nieuwediep, 22 juni. Het Nederlandse schip BONI, kapt. Metus, uitgesleept wordende en het Engelse stoomschip TREVETHICK binnenstomende, zijn met elkaar in aanvaring geweest, waardoor de BONI belangrijk in de stuurboordszij werd beschadigd. Ook de TREVETHICK bekwam schade. Eerstgenoemde ligt thans ter rede.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 juni. Sedert ons laatste bericht kwamen er nog enige bevrachtingen tot stand en besteedde men voor Londen of de Oostkust of direct Yarmouth Sh.14/- en voor een elders liggend schip naar het kanaal van Bristol Sh.15/- per 10 quarters haver met lichterloon voor bevrachtersrekening.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gibraltar, 21 juni. Het te Pekela te huis behorende schoener-brikschip ULRIKE, kapt. P.J. Bekkering, van Newcastle met stukgoederen naar Triëst, is hier zwaar lek binnengelopen. (opm: zie PGC 040776)


25 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden ontving ik met mijn kinderen het verpletterend bericht dat mijn dierbare echtgenoot M.A. Overgaauw, gezagvoerder op het Nederlands schip SUNDA, op de 9e dezer aan boord van dat schip te Saigon in China is overleden.
Rotterdam, 15 juni 1876, A.B. Overgaauw, geb. Kramer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Nederlands extra snelzeilend gekoperd fregatschip gemeten 647 tonnen, met complete inventaris.
Te bevragen bij de makelaar Ed.C.A. Koli, te Amsterdam.


26 juni 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Schiermonnikoog, 22 juni. Volgens een heden hier ontvangen brief van L.T. Jaski, gezagvoerder van het brikschip WILLEM VAN DER VOORT, was hij de 16e dezer met een lichte storm uit het westen te Arendal binnengelopen met verlies van kluiverboom.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 juni. Het Nederlandse stoomschip NOORDKAPER lag de 3e mei te Ambrizetta (westkust van Afrika).


27 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 26 juni. Gisteravond is de schipdeur, bestemd voor het droogdok van de heren Van Zeijlen & Decker, in goede staat alhier aangebracht door de sleepboot RESERVE; heden zal met de plaatsing worden aangevangen. De opening van genoemd dok is op a.s. vrijdag bepaald; het driemastschip FRANSEN VAN DE PUTTE zal alsdan het eerst daarin worden gezet. Door de vereniging Uit het Volk voor het Volk zijn tegen die dag grote feesten aangekondigd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Gevraagd NLG 1.500 op bodemarij door J. van Laar, gezagvoerder van het kofschip TRIJNTJE, onder verband van genoemd schip en deszelfs lading cement, bestemd naar Hamburg. Aanbiedingen met opgaaf der premie worden ingewacht ten kantore van Bulsing & Ter Spill, cargadoors.


28 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 juni. De Nederlandse schoener MERCATOR, kapt. Huisman, van Livorno alhier aangekomen, lost op de rede enige lading en zal met het overige naar St. Petersburg vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 27 juni. Alhier ligt zeilklaar naar Soerabaija het schip KINDERDIJK, kapt. Dieper.
(opm: vertrek eerste reis)


29 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Naar wij vernemen is de aanbouw van het op de Marine begroting voor dit jaar voor ¾ uitgetrokken ijzeren schroefstoomschip met houten dubbelhuid opgedragen aan de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij te Rotterdam.
Een dergelijk stoomschip, bestemd voor de Indische Marine, SAMARANG genaamd, staat thans op de werf van de Maatschappij te Fijenoord op stapel en zal weldra gereed zijn.


  AH - Algemeen Handelsblad

Christiansand, 24 juni. Het Nederlandse schip PHOENIX, kapt. Van der Hoof, van Riga naar Dordrecht, alhier lek binnen, heeft een vierde gedeelte van de lading gelost. Het lek is gevonden aan stuurboordszijde, 2½ voet beneden de bovenkant van het koper. Het schip is bezig de lading weer in te nemen en zal binnen weinige dagen de reis voortzetten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Hong Kong, 21 juni. Het Nederlandse schip GESINA, kapt. Mulder, van Chefoo, is alhier met verlies van zeilen aangekomen.


  JB - Javabode

Soerabaija, 23 juni. Heden morgen is het stoomschip BOGOR II van 30 paardekrachten, bestemd voor de Gouvernements Marine, aan het Marine-Etablissement alhier met goed gevolg te water gelaten.


30 juni 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 29 juni. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pz. met goed gevolg te water gelaten de ijzeren schroefsleepstoomboot NIJMEGENSCHE SLEEPDIENST VI, gebouwd voor rekening van de heer H. van der Bout te Nijmegen en waarvoor de machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heren Burgerhout & Kraak te Rotterdam.
Daarna is de kiel gelegd van de schroefsleepstoomboot PR. PZN. HEIN, te bouwen voor rekening van de heer J. Casper te Delfshaven, waarvoor de machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heren Evrard, Van Duyl & De Kruyff te Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 26 juni. Het schip ELSIEN HAGENUS, kapt. Stenger, hier laatstleden vrijdag gearriveerd, is bij het binnenkomen met zulk een geweld tegen het zuidelijk havenhoofd belopen, dat de beschoeiing van palen geheel werd ontzet en gedeeltelijk afbrak. Daarna liep het met geweld tegen het in de geul voor anker liggend schip ONCKO, kapt. Teerling, waardoor laatstgemeld schip de verschansing werd ingelopen. De schade, hierdoor veroorzaakt, is voor eerstgenoemd schip nogal aanzienlijk.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfshaven, 28 juni. Volgens ontvangen telegrafisch bericht is het schoenerschip OOSTZEE, kapt. Van Dijk, 14 juni van Drontheim vertrokken, gisteren goed en wel te Archangel gearriveerd.


01 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Wij vernemen dat door de regering aan verschillende autoriteiten mededeling is gedaan van het bestaande voornemen om het te Amsterdam liggende ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN in de maand augustus door het Noordzeekanaal en over zee naar Willemsoord te vervoeren. De vereiste diepte voor een schip van plm. 5 meter diepgang schijnt dus thans over de gehele lengte van het kanaal te bestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens telegrafisch bericht uit Batavia van de 25e juni is het Nederlandse stoomschip LUITENANT-GENERAAL KROESEN, van Atchin naar Padang en Batavia, bij de ingang van Straat Sunda gestrand en wrak. De mail en vermoedelijk 25 passagiers zijn daarbij verongelukt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 24 juni. Scheepsvrachten. Gesloten is naar Elsfleth 26 mark per last plankhout, Stettin 26 mark per 4.000 Engelse pond haver, Amsterdam NLG 36 per tult Noorweegse kapbalken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 30 juni. De vraag naar scheepsruimte was heden wederom gering. Gedaan werd tegen Sh.12/6 voor Londen of de Oostkust en tegen Sh.20/- voor het kanaal van Bristol per 10 quarters haver met gratificatie.


  JB - Javabode

Timor, april. Op de 1e april verongelukte ten oosten van het eiland Serbetta, in de nabijheid van Floreshoofd, de aan de Arabier Sech Hasan bin Mohammad Djawas toebehorende schoener BABOEL JOESOER. Het schip en de lading – de laatste ter waarde van NLG. 4.500 – gingen geheel verloren. Eén der opvarenden kwam daarbij om het leven.


02 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 30 juni. De commissie, die op uitnodiging van handelaren hier sedert enige tijd werkzaam is geweest, ten einde de voorlopige stappen te doen tot de oprichting van een directe stoombootdienst tussen Groningen en Rotterdam en enige tussengelegen plaatsen, gaf in een op gisterenavond in Huis de Beurs gehouden vergadering aan heren aandeelhouders verslag van de uitslag harer bemoeiingen, waaruit bleek, dat het benodigde kapitaal van NLG 100.000,- reeds zo goed als voltekend was, zodat zij adviseerde tot het constitueren der Maatschappij onder de naam van Groninger-Rotterdammer Stoomboot Maatschappij. De statuten, door haar in concept aangeboden, werden daarna in behandeling genomen en vastgesteld, zodat de Maatschappij als gevestigd mag worden beschouwd.
Tot leden van het Bestuur werden gekozen de heren J. Schilthuis U.Gzn., J.E. Scholten, H. Huisinga, H. Boelmans Kranenburg en Hk. Jansen, die allen de hun opgedragen betrekking hebben op zich genomen.


03 juli 1876


  JB - Javabode

Soerabaija, 3 juli. Zaterdag (opm: 1 juli) werden alhier aangebracht per bintang kapt. Meyboom en de geredden van de equipage van het schip de TWEE VRIENDEN, welk schip de 22e juni l.l. bij Poeloe Laut op een onbekende klip is gelopen. Het schip en de lading, bestaande uit 120 paarden, zijn verloren.


04 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Het Nederlands stoomschip PRINSES AMALIA, (opm: met machineschade) gesleept door de sleepboot ANGLIA, arriveerde 1 juli 's morgens te Greenock en werd de volgende dag te Glasgow verwacht. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 22 mei. Vrachten. Er is niets belangrijks omtrent de markt mede te delen. Naar zeilschepen bestaat bijna in het geheel geen vraag, zodat de noteringen nominaal zijn, terwijl de disponibele ruimte dagelijks toeneemt. Er is slechts het volgende mede te delen: Het Nederlandse stoomschip BORNEO, naar Nieuwediep, NLG 65 voor suiker, NLG 65 à NLG 75 voor koffie, NLG 65 à NLG 70 voor tabak, NLG 120 voor kapok, NLG 105 à NLG 110 voor huiden, NLG 100 voor indigo en NLG 100 voor gutta percha.
Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, KRIMPEN A/D LEK, JONGE JAN, CALIFORNIE, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAEL.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen op 3 juli in de Witte Zwaan: het Nederlandse fregatschip STAATSRAAD VAN EWIJCK, laatst gevoerd door kapt. Bakker, groot 749 tonnen. NLG 11.100. In slag NLG 4.000. Koper D. Heydeman Jr.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gibraltar, 24 juni. Het lek in het schip ULRIKE, kapt. P.J. Bekkering, van Newcastle met stukgoederen naar Triëst is door een duiker gestopt en zal het schip spoedig gereed zijn om de reis voort te zetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Donderdag de 6e juli 1876, 's avonds te 6 uur, zal, ten huize van de kastelein H.F. Diepenbroek te Oude Pekela, in het openbaar à contant worden verkocht het in den jare 1874 nieuw gebouwd kofschip, genaamd HELENA, laatst bevaren door kapt. H.H. Kral, groot 80 zeetonnen, geclassificeerd bij B. Veritas 3.3. 1.1. voor 7 jaren, thans liggende te Oude Pekela, alwaar het dagelijks is te bezien.
Inventarissen te bekomen ten kantore van de notaris, Mr. F. Roessingh.


05 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart Dordrecht – Londen. Het stoomschip MARTINUS EN HENRIETTE zal op vrijdag de 14e juli a.s. zijn geregelde wekelijkse dienst hervatten. Vertrek van Dordrecht iedere vrijdag namiddag ten ongeveer 2 ure, na aankomst der Nijmeegse boot, van Londen iedere woensdag des morgens.
De directeur, J. Bouten


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Een bij het Departement van Koloniën ontvangen telegram van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië d.d. 25 juni jl., bevat het treurige bericht, dat het stoomschip LUITENANT-GENERAAL KROESEN, van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, op reis van Atchin via Padang naar Batavia, bij Poeloe Lagoendi in Straat Soenda is vergaan en dat van de 300 opvarenden nog geen 70 zijn gered. Van de bij deze ramp omgekomenen worden genoemd: De majoor Boom, de kapiteins Thieme, Welters, Lublink Weddik en Rozenraad, de hoofdingenieur Pet, de vroegere chef van het Hydrografisch Bureau Edeling, de luitenant van de mariniers Ahn, de agent van de Javasche Bank Nagtglas Versteeg, de weduwe Boschmeester Weghake en mejuffrouw Leicester.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons uit Middelburg:
Wellicht niet geheel ten onrechte werd vroeger wel eens geklaagd, dat het lossen en laden van schepen in onze nieuwe havens niet spoedig genoeg geschiedde.
Dat hierin bij de toenemende ontwikkeling en drukte grote verbetering komt, blijkt zeker wel uit het feit, dat het klipperfregatschip SUZANNA JOHANNA, in de avond van de 15e juni jl., uit zee aan de loskade alhier aangekomen, eergisteren weer geheel reisvaardig op de rede voor Vlissingen lag, nadat in dertien werkdagen ongeveer 1.000 Javalasten, meest koffie en suiker, gelost waren en daarvan 5/6 aan de kant gewogen. Binnen diezelfde tijd onderging schip en tuigage de nodige herstellingen en werd het van proviand en ballast voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 27 juni. Het schip GEBROEDERS SIKKENS, kapt. S.J. Dood, van Rosano, geladen met olie, is 25 dezer met gekraakte steng en gebrek aan water alhier aangekomen. Na van het nodige voorzien te zijn, is het schip dezelfde dag naar Gibraltar vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 27 mei. Het Nederlands fregatschip 'S GRAVENHAGE, kapt. De Vries, heeft de reparatie volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 juli. Uit het wrak van het op de Ooster gestrande Engelse stoomschip THOMAS SORBY zijn door duikers weder 129 blokken tin alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Notarishuis aan de Geldersche Kade, te Rotterdam op dinsdag 4 juli: een nieuwe overdekte hektjalk: trekgeld NLG 2.300, verkoop NLG 2.600.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 4 juli. Bij uiterst geringe aanvoer van granen was de vraag naar scheepsruimte van weinig betekenis. Een enkel schip werd gecharterd tegen Sh.12/- direct naar Yarmouth, of Sh.12/6 voor Londen of de Oostkust, per 10 quarters haver.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Notaris Mr. J. Fresemann Viëtor te Winschoten zal, op vrijdag de 7e juli 1876, 's avonds te 7 uur, in het Hotel St. Vitus van de heer De Groot te Winschoten, wegens het overlijden van de kapitein, publiek te koop presenteren het gezinkt schoenerschip, genaamd VERTROUWEN, groot 173 tonnen, gebouwd in 1862, opnieuw gezinkt in 1875, geclassificeerd bij Veritas voor 5 jaren 3/3 A 1.1. tot 1880 en bij de Hollandsche Vereeniging A 2 tot de 14e mei 1877, met complete inventaris, thans liggende te Hamburg en aldaar dagelijks te bezien.
Informaties te bekomen bij de heer J. Romkes van der Goot te Sappemeer en bij kapt. H.H. Ludeling te Hamburg aan boord. Inmiddels uit de hand te koop.


06 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Heden namiddag is van de werf der Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord te water gelaten het schroefschip SAMARANG, bestemd voor de Militaire Marine in Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Padang via Atjeh het Nederlands klipper-fregatschip DELIANE, kapt. C.G.A. von Lindern. Spoedige expeditie. Adres Vroege & De Wijs.
(opm: zie NRC 200676; aankondiging eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Huisduinen wordt bericht, dat het plan om het welbekende stoomschip KÖNIG WILHELM door kunstmiddelen te lichten, is afgesprongen en dat men nu zou besloten hebben het schip aan de meestbiedende te verkopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 27 juni. De geborgen lading van het op 24 mei bij Vexoe gestrande schip WILHELMINE is in publieke veiling verkocht voor 17.000 kronen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het snelzeilend schoener-jachtschip JANNETJE, groot 78 gemeten tonnen, ladende 65 zware lasten, zeer goed onderhouden, met netten inventaris, geclassificeerd Veritas 5/6 G. I.I. tot mei 1877.
Adres bij de cargadoor H. Kuijl Tz. te Dordrecht.


07 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. Het schroefstoomschip 4e klasse SAMARANG, gisteren op Fijenoord te water gelaten en bestemd voor de dienst in Nederlands Indië, is geheel van ijzer, met houten en zinken dubbelhuid; de hogedruk stoomwerktuigen, met veranderlijke expansie en oppervlakcondensatie, alsook de stoomketels, blijven bij ledig schip geheel onder de waterlijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. Enige dagen geleden deelden wij mede, dat de heren Mr. R.J. graaf Schimmelpenninck van Nijenhuis, Jhr. C. Hartsen en W.S. Burger als commissarissen van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij hadden bedankt. Wij vernemen, dat dit ook is gedaan door de heren W.J. Hoffman en J.F. Schuuren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. Heden is met goed gevolg te water gelaten aan de werf van de heren Walker, Stronck & Van Delden, linker Maasoever alhier, de schroefsleepboot TRANIE, voor rekening van de Rotterdamsche Handelsvereeniging. De machines met toebehoren voor bovengemelde stoomboot worden door dezelfde firma vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Korsör, 1 juli. Het schip ALBERTUS BAREND, kapt. Tap, in het vorige jaar bij Stavreby gestrand en later verkocht, is af- en in Prästö binnengebracht, alwaar het gerepareerd en weer opgetuigd wordt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Groninger-Rotterdammer Stoomboot Maatschappij.
Zij die genegen zijn tot het leveren van één of meer ijzeren schroefstoomboten, worden uitgenodigd zich daartoe aan te melden bij de secretaris van de Maatschappij.
H. Huisinga, Noorderhaven, Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maandag (opm: 3 juli) is van de werf van de scheepsbouwmeester J. Kars te Oude Pekela met goed gevolg te water gelaten een nieuw gebouwd tjalkschip, groot pl.m. 75 tonnen, zullende bevaren worden door J. Luikinga, van Groningen, en gisteren van de werf der heren K.& J. Wilkens te Veendam het tjalkschip genaamd VIER GEBROEDERS, groot 125 tonnen, gevoerd zullende worden door schipper J. Bosma.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 2 juli. De bark NEPTUN, kapt. Keun, van Newcastle naar Kroonstad, is heden na volbrachte reparatie uit de haven gegaan.


08 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 7 juli. Het stoomschip P. CALAND, binnenkomende van Vlissingen, zit op de Drooge aan de grond. Sleepboten van hier en van de Hoek van Holland assisteren. Het is nog niet vlotgekomen. De sleepboot ZIERIKZEE is met twee lichters derwaarts gegaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 7 juli. Er kwamen nog enige bevrachtingen tot stand. Gedaan werd voor Londen of de Oostkust tegen Sh.12/- en Sh.12/6 per 10 quarters, en voor de Franse voorhavens tegen Ffrs.15 per 30 hectoliter haver.


  JB - Javabode

Advertentie. Vrijwillige verkoping. Op donderdag 20 juli a.s. zal worden verkocht, ten overstaan van het Vendukantoor te Soerabaija, in het vendulokaal van ondergetekende, het Nederlands-Indisch schip ALFULLOK, zo als hetzelve zich met geheel deszelfs inventaris thans op de rede bevindt. Dit schip, geheel van djatihout gebouwd en gekoperd, is 511 gemeten tonnen groot en dadelijk in staat te zeilen.
B. van der Zwaan


09 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 juli. Het Nederlandse stoomschip CELEBES, kapt. Ordeman, van Batavia naar Nieuwediep met de mail van 3 juni, is 8 juli 's morgens zes ure te Napels aangekomen. Alles wel. Het schip had van Port Said af hevige tegenwind ondervonden en zou de volgende dag 's namiddags de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 juli. Volgens telegram uit Batavia, d.d. 2 juli, stootte het stoomschip LUITENANT GENERAAL KROESEN, kapt. Verloop, met 56 ton lading aan boord, in Lagoendie Straat, bij Lagoendie op een blinde klip, welke niet op de kaart was aangewezen, brak middendoor en zonk onmiddellijk; 49 man van de equipage en 156 passagiers verloren daarbij het leven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz., B.C.D. Hanegraaff, H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam, C.H. van Dam en H. Montauban van Swijndregt te Rotterdam zullen als lasthebbende van hun meesters op dinsdag 25 juli 1876, ’s middags te 12 uur, in de zaal aan de Scheepmakershaven No. 29, publiek veilen Het in 1865 gebouwde Nederlands clipperschip KOSMOPOLIET II, geclassificeerd in Veritas 3/3 L 1.1., laatst gevoerd door kapt. T. Huizer, volgens meetbrief lang 54,42 meter, wijd 8,16 meter, hol 5,46 meter en alzo groot 1.078 tonnen of 569 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam.
Nog zullen afzonderlijk worden geveild een chronometer van Charles Frodsham, No. 2222 en een dito van Arnold & Dent, No. 1402. Te bezichtigen bij A.C. Zoethout & Zn. te Dordrecht.
Nadere informatiën bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 6 juli. Van het hier te huis behorende galjootschip AMALIA SINNIGE, kapt. K.M. Ei, de 15e mei van Bremerhaven naar Runcorn vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 mei. Vrachten. De markt bleef in de laatste 14 dagen in de zelfde treurige toestand. De enige afdoening in zeilvrachten, die te vermelden is, is tot NLG 50 voor suiker, welke koers geaccepteerd werd voor een schip, op speculatie in Europa gecharterd. Overigens bestaat er geen vraag voor scheepsruimte, zowel voor thuis- als kustvrachten. De laatste afdoeningen zijn: het Nederlandse stoomschip CELEBES NLG 30 voor Factorij-tin, NLG 75 à NLG 90 voor tabak, NLG 120 voor indigo naar Amsterdam; DRENTHE NLG 75 voor koffie, NLG 90 voor tabak, NLG 90 voor thee naar Rotterdam.
Onbevrachte Nederlandse schepen op Java: UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LOURENS COSTER, CORNELIA, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, KRIMPEN A/D LEK, JONGE JAN, CALIFORNIE, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT, NEREUS.


10 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 juli. De schoener SKJŐLD, onlangs op Onrust gestrand en later publiek verkocht, is heden af- en alhier binnengebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 1 juli. Scheepsvrachten. Gedurende deze week werden bij weinig verkeer de volgende vrachten bewilligd: voor zeilschepen naar Lübeck 17 mark, de Elbe 25½ mark, Oost-Noorwegen 15, 16 en 18 mark, alles per 5.000 Engelse pond rogge, naar Nantes Sh.30/- per ton hennep, Delfzijl NLG 27 per tult ronde kapbalken. Per stoomschip naar Amsterdam NLG 15,- per 2.400 kilo tarwe.


  JB - Javabode

Men leest in de Locomotief (opm: een te Samarang verschijnende krant) van de 6e dezer:
Brand op de rede. In de afgelopen nacht omstreeks 2 uren is er brand ontstaan op het Nederlands-Indische barkschip TJIN ENG LIE, kapt. Auw Sing Tjing, geladen met petroleum en kruit, liggende ter rede alhier. Op het noodschot, dat aan boord van het bedreigde vaartuig gelost werd, begaf de sloep van het wachtschip zich onmiddellijk met de brandspuit naar het toneel van de ramp. De spuit gaf weldra water op het voorschip, maar het bleek spoedig onmogelijk om de brand te stuiten. Om 5 uur 20 minuten vatte het kruit vlam en sprong het vaartuig met een zware knal uit elkander. Het was een aangrijpend verschijnsel. Gelukkig verloor niemand het leven. De waterschout was mede terstond aanwezig.


11 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 juli. Met het stoomschip ROTTERDAM is van Glasgow alhier aangebracht de equipage van het Nederlandse stoomschip PRINSES AMALIA, hetwelk te Glasgow een reparatie aan de machine moet ondergaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 juli. Volgens hier ontvangen telegram is de 8e dezer te Plymouth voor order gearriveerd het schoenerschip HENRIËTTE, kapt. W.H. Scholtens, van Rio Grande komende, 83 dagen reis. Aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 4 juli. Ook onze vrachtenmarkt leed in de loop van de afgelopen maand onder de algemene stilte op dit gebied. Toch hielden de koersen zich in de eerste helft boven verwachting hoog; het grote aanbod van ruimte in de tweede helft bracht echter teruggang teweeg. Gesloten werd onder meer: naar de Maas tot NLG 13, Delfshaven NLG 141/2, Antwerpen NLG 133/4, Rostock, Wismar en Kiel 15 mark, Brake 203/4 mark, Hamburg 211/2 mark, Bremen 221/2 mark, alles per last van 80 kub. voet Engelse maat delen; Londen Sh.15/-, later 14/6 en 14/-, Suttonbridge Sh.14/-, Hull Sh.13/6, West Hartlepool Sh.11/-, Bristol en Dublin Sh.17/6, Belfast Sh.17/-, alles per load grenen balken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 5 juli. Gesloten is: Naar Harlingen 20 c. per oude Amsterdamse voet Hollandse balken, Bridport Sh.37/6 per ton vlas, de oostkust van Groot-Brittannië Sh.13/6 per ton raapkoeken.


12 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malta, 3 juni. Het stoomschip WATERGEUS, gisteren van hier naar Marseille vertrokken, is met lekke ketels alhier teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. Meeter & Co., makelaars te Zwolle, zullen als lasthebbende van hun principalen, ten overstaan van de heren notarissen mr. J.H. van Roijen, te Zwolle en A. Höfelt, te Kampen, op dinsdag de 25e juli, des middags te 12 uur, in het Odéon te Zwolle, à contant, publiek verkopen het extra ordinair welbezeild en uitmuntend onderhouden Nederlands schoener-galjootschip, genaamd: BARON SLOET TOT OLDHUIS, groot 120 zeetonnen, gebouwd in 1859, met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, alles breder bij biljetten omschreven.
Het voorzegde schip ligt in de Willemsvaart te Zwolle en is dagelijks te bezichtigen.
Nadere inlichtingen zijn te bekomen bij kapt. S. van Gelderen, aan boord, bij W. Meeter & Co., makelaars, te Zwolle en bij de heren notarissen voornoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Marine. Openbare inschrijving aan ´s Rijks werf te Hellevoetsluis op vrijdag de 21e juli, des morgens ten 10 ure, van een kolenhulk - vroeger brik van 18 stukken, gekoperd en kopervast - drie loodskotters, alle kopervast, waarvan twee gekoperd, een opnemings-vaartuig, enz, alles daags voor de verkoping te bezichtigen. De conditiën ter verkoop liggen ter lezing op de secretarie van voormelde werf.
De schout-bij-nacht, directeur en commandant der marine, De Haes.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Op de publieke verkoping, op dinsdag de 11e juli gehouden in het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam, is onder meer geveild 1/32e aandeel in het brikschip RIO DE LA PLATA, varende onder boekhouderschap van de heren P. Rademakers & Co. te Delfshaven, uitgezeild van Makassar naar Berouw op Borneo en van daar bestemd terug op Makassar. Verkocht voor NLG 218.
Eenzelfde part in hetzelfde schip werd verkocht voor NLG 216.


13 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 8 juli. Het stoomschip ORESUND, 5 dezer van Kopenhagen alhier aangekomen om zo mogelijk de lading van het Nederlands schip TWEE GEZUSTERS, kapt. Voss, van Stockholm naar Rotterdam, alhier gezonken, te bergen, is onverrichter zake teruggekeerd daar het schip in 15 voet water ligt en geheel uit elkander is gewerkt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen te Rotterdam op dinsdag 11 juli:
- 1/32e aandeel in het Nederlandse brikschip RIO DE LA PLATA: NLG 218.
- 1/32e aandeel in idem. NLG 216.


14 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 10 juli. Blijkens alhier ontvangen bericht is het schip THORWALD, van Pascagoula naar Cherbourg, bij Sandleskand Spit gezonken.
(opm: zie NRC 270776)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 8 juli. Scheepsvrachten. Gesloten werd naar Groningen NLG 11½, Delfzijl NLG 11, Emden 20 mark, Geestemünde 17 mark per last grenen hout, naar Granton Sh.11/6, Grimsby Sh.13/-, Londen Sh.16/-, Southampton Sh.15/6, Newport Sh.16/6, Gloucester Sh.19/- per load eikenhout, naar Londen Sh.12/-, Southampton Sh.12/6 per load grenen hout, Brussel Bfrs. 35 en 15% per last stammen.


  JB - Javabode

Batavia, 14 juli. Men schrijft ons uit Samarang:
Het afbranden van het Nederlands-Indisch barkschip TJING ENG-LIE heeft een groot aantal toeschouwers naar de rede doen snellen om ooggetuige te zijn van het daardoor inderdaad tot op verre afstand zichtbaar prachtig gezicht. Nadat het schip tegen 3½ uur in de morgen in lichtelaaie vlam geraakte en het als een kolossale vuurklomp de rede alom verlichtte, barstte het tegen 4½ uur met een hevige klap uiteen, waarbij verschillende voorwerpen van omvang en grootte als veertjes in de lucht werden geslingerd. Het aan boord zijnde buskruit, dat deze uitbarsting heeft te weeg gebracht, was niet van een grote hoeveelheid, doch echter voldoende om de totale vernieling van schip en lading – welke laatste grotendeels uit petroleum en genever bestond – te veroorzaken. De brand, die, naar ik hoor, uit onvoorzichtigheid moet zijn ontstaan en waarnaar een streng onderzoek zal worden gedaan, heeft de eigenaar, de luitenant-Chinees, trekker van de NLG 100.000 uit de Samarangse Bewaarschool-Loterij, voor nagenoeg NLG 53.000 armer gemaakt, daar het schip met de inventaris, deze waarde representerende, niet verzekerd was.


15 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 13 juli. Het galjootschip PETRUS HENDRIKS, kapt. Sikkens, van Koningsbergen aangekomen (diepgang 24 decimeter), is gisteravond voor het eerst door de grote zeesluis alhier met goed gevolg geschut.
De grote Eemskanaal sluis (gereed in 1873)
NRC 150776
Advertentie. Uit de hand te koop het in de Leuvehaven te Rotterdam liggende Nederlandse galjootschip ZWALUW, 3/3 1.1. Veritas, groot 94 ton, laatst gevoerd door kapt. J.J.W. Teensma. Te bevragen bij Vinke & Co., cargadoors te Amsterdam en N.A. van Charante, cargadoor te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Te koop een tjalkschip, genaamd ANTIENA, groot 70 tonnen, met al zijn opgoed en toebehoren, invoege hetzelve thans bij de Poelepoortenbrug te Groningen is liggende, en bevaren geweest door wijlen F. Boekhoudt, om te aanvaarden dadelijk bij de toeslag. Te bezien op de verkoopdag (opm: dag en plaats niet vermeld)
A. Verheijen, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kamer van Koophandel en Fabrieken van Groningen. Zitting van de 13e juli 1876.
Alvorens met de werkzaamheden aan te vangen, wenst de voorzitter een heugelijke tijding aan de vergadering mee te delen. Een paar uur geleden, zegt hij, is het eerste zeezeilschip langs de nieuwe waterweg in de Oosterhaven aangekomen. Het is de PETRUS HENDRIKS, kapt. S. Sikkens, van Koningsbergen met een lading hout naar hier bestemd, voor de heer Van Houten. Hij beschouwt dit als een belangrijke gebeurtenis en koestert de verwachting, dat ook in de toekomst zal blijken, dat het nu daar gestelde en geopende kanaal voor de handel belangrijk zal blijven, dat daardoor een meer geregelde scheepvaart, ook met stoomschepen, en alzo meer stabiliteit zal ontstaan, waardoor de handel en door de handel de welvaart van de provincie nog tot meerdere bloei kunnen komen; want de algemene welvaart is aan de bloei en vooruitgang van de handel onafscheidelijk verbonden.


16 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juli. Heden werd van de werf van de heren Christie, Nolet & De Kuyper, te Delfshaven, met goed gevolg te water gelaten een nieuw ijzeren schroefstoomschip, bestemd tot vervoer van passagiers en goederen ter rede van Samarang. De stoomketel en tweeling-schroefstoommachines zijn in dezelfde fabriek vervaardigd.


17 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op zaterdag de 22e juli aanstaande, des avonds ten 8 uur, in het hotel De Toelast, aan het Nieuwediep, ten overstaan van de deurwaarder J.W. van der Wal Cz., van het hol of casco van het Noorse schoenerschip genaamd SKÖLD, gevoerd geweest door kapt. Larsen, onlangs op de Noorderhaaks gestrand en daarvan afgebracht, alleszins geschikt om opnieuw in de vaart gebracht te worden.
Voornoemd schip is groot 191 ton of 453 kubieke meter, lang over steven 92 voet, breed 23½ voet en diep 13 voet (diepgang bij de last 10 voet), zijnde hetzelve gebouwd in den jare 1868. Vanaf zaterdag 15 juli a.s. te bezichtigen op de helling van de scheepswerf De Lastdrager, te Nieuwediep. Voorts nog: 1 sloep en 2 scheepsboten zo goed als nieuw, benevens enig zeildoek, hout en hetgeen verder zal worden aangeboden, tot het afbrengen van gemeld schip in gebruik geweest en mede aan genoemde werf twee dagen voor de verkoop te bezichtigen.
Informatiën te bekomen bij de directie van de scheepstimmerwerf De Lastdrager te Nieuwediep, alsmede bij de deurwaarder J.W. van der Wal Cz., te Helder.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na lange tijd tussen hoop en vrees te hebben geleefd, moeten wij eindelijk wel tot de treurige overtuiging komen, dat mijn behuwdzoon Timon Huges en mijn dochter Geziena Kolk met twee hunner kindertjes en twee broeders van de man op zee zijn verongelukt, zodat slechts één dochtertje bij mij is overgebleven, De 25e november 1875 van Tonningen naar Rotterdam vertrokken zijnde, hebben wij sedert taal noch teken van hen vernomen. Diep bedroefd geef ik hiervan kennis aan vrienden en bekenden.
Zoltkamp, 14 juli 1876, Wedw. R. Kolk
(opm: het betreft hier de kof HOOP, kapt. Timen Huges, ex-JACOBINE, gebouwd in 1862)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 13 juli. Een nieuwgebouwde schoenerbrik uit Pekela, kapt. Doewes, werd heden door de sleepboot PONY in de haven gesleept, ten einde hier vracht te bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 11 juli. Het schip CHRISTINA ALIDA, kapt. J.G. de Jong, van Buitenpost, van Memel met delen naar Delfshaven, is hier lek binnengelopen, zijnde tussen Trelleborg en Falsterbo aan de grond geraakt, doch zonder assistentie weder vlot geworden. Het moet lossen om te repareren.


18 juli 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 12 juli. Het Groninger tjalkschip ELISABETH BOLHUIS, kapt. Muntendam, van Leeuwarden met cichoreiwortelen naar Kopenhagen, heeft onder Laesö de mast verloren en is door het schip NIJSSINA, kapt. J.K. Veldman, hier op de rede gesleept.


19 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thans kan worden medegedeeld, dat bij het Departement van Koloniën is ontvangen een telegram van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van de 3e dezer, meldende dat van de opvarenden van het verongelukte stoomschip LUITENANT-GENERAAL KROESEN de helft zijn gered, onder wie de majoor Boom.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 juli. Het afbrengen van het te Huisduinen gestrande en zoveel besproken stoomschip KÖNIG WILHELM is nu door de Engelse ondernemers te enenmale opgegeven; na er zoveel mogelijk te hebben afgehaald, is de ondernemer met zijn echtgenote en vrij talrijk personeel naar Hull teruggekeerd, tot spijt van vele Helderse en Huisduiner werklieden, die er gedurende een paar jaren fikse daghuren en uitmuntende schafting genoten.De ondernemers hebben, tot hun niet geringe teleurstelling, moeten ondervinden dat het vrij wat moeilijker viel een schip van onze Noordzeestranden af te brengen, dan zij dit elders op klipgronden gewoon waren. Het bij de geringste stormwind in vloeibare staat verkerende zand op ons strand verijdelde telkens hun ijverige pogingen.
Toch werd hier herhaaldelijk aangemerkt, dat de ondernemers verkeerd werkten; zo menige wenk hun gegeven, werd altijd met trots en minachting afgewezen, alsof men hier niet reeds zo menig schip van het strand in zee had gebracht. Men gelooft hier vrij zeker, dat wanneer men het werk aan Egmonders en Huisduiners had toevertrouwd, dat prachtige stoomschip niet reddeloos verloren was geraakt, zodat het geen gevaarlijke klip voor de vissersvloot zou zijn geworden. En dat men hier wel een schip kan afbrengen, heeft nog dezer dagen de op de Haaks gestrande Deense schoener SKJOLD bewezen. Dat schip zat zo hoog op die gevaarlijke plaats, dat men er bij ebtij omheen kon lopen en toch hebben 12 Helderse vletterlieden, zonder andere kunstmiddelen dan een anker en een tros, het schip afgebracht, in weerwil zij telkens met felle brandingen en het telkens lek slaan van het schip te kampen hadden. Die schoener ligt thans in het Nieuwediep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juni. Vrachten. De stemming in onze markt bleef sedert het laatste bericht geheel onveranderd. De nieuwe suiker begint reeds flink binnen te komen, doch schijnt het grootste gedeelte nog onverkocht te zijn. Wel doet zich nu en dan enige vraag naar scheepsruimte op, maar zijn de koersen, welke de exporteurs wensen te besteden, van dien aard, dat gezagvoerder prefereren nog enige tijd met afsluiten te wachten. De aanvoeren van de nieuwe koffie vinden eveneens geregeld plaats en nam de Factorij, wegens gebrek aan bergruimte, onderhands een paar schepen op voor Tagal en Tjilatjap. Zij heeft een inschrijving aangekondigd op de 17e dezer, waarvoor de schepen vóór of op 5 juli op één van de hoofdplaatsen moeten disponibel zijn.
Stoomboten namen tabak aan tot NLG 90 à NLG 100. In tussenvrachten ging niets om. Voor rijst van Saigon zou willicht een schip van ongeveer 13.000 picols te plaatsen zijn tot NLG 0,40 per picol. De laatste afdoeningen zijn: het Nederlandse stoomschip PRINS HENDRIK, NLG 95 voor koffie, NLG 95 voor tabak, NLG 100 voor thee, NLG 120 voor indigo, NLG 50 voor particuliere tin naar Amsterdam; stoomschip FRIESLAND, NLG 90 voor tabak, NLG 95 voor thee, NLG 120 voor indigo, NLG 50 voor particuliere tin naar Rotterdam; KRIMPEN A/D LEK, NLG 60 voor koffie, NLG 85 voor huiden, NLG 57½ voor tabak van Tagal en Soerabaja naar Rotterdam.
Onbevrachte Nederlandse schepen op Java: UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIS, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, JONGE JAN, CALIFORNIE, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL, NEREUS en ELIZABETH MARIA.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Wildervank is van de werf van de heer R.H. van der Werf te water gelaten het tjalkschip GEERTRUIDA, groot 110 tonnen, zullende bevaren worden door schipper J. van Gils.


20 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Naar aanleiding van het bericht van een strafoefening aan boord van de ADDER, te Vlissingen, wordt ons gemeld dat aan het Departement van Marine een speciaal daartoe benoemde commissie ijverig werkzaam is aan de samenstelling van een nieuw wetboek voor het krijgsvolk te water, waarin de lijfstraffen niet meer voorkomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Bij ministeriele beschikking is aan K. Smit, te Krimpen a/d Lek, tot wederopzegging, vergunning verleend voor een stoomsleepdienst langs de rivieren in de provincie Noord Brabant, Gelderland, Zuid Holland en Zeeland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 5 juli. De gezagvoerder van het schip EMIL RAYMOND, rapporteert de 27e juni op 03˚ NB (opm: dit lijkt niet juist) 68˚ WL een het ondersteboven drijvend schip van ongeveer 300 ton groot gezien te hebben, nieuw gekoperd en ogenschijnlijk van Nederlandse bouw. Het scheen nog niet lang in die staat gedreven te hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 14 juni. Het Nederlandse schip JOHANNA EN MARIA, kapt. Korter, is bevracht om te Rio Negro tarwe te gaan laden voor hier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 13 juni. Het Nederlands schip 'S-GRAVENHAGE, van Pasaroeang naar Rotterdam, lek uit zee teruggekeerd en alhier van Batavia opgesleept, heeft de reparatie geëindigd en is thans gereed om te vertrekken.


22 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 14 juli. Het schip GEBROEDERS SIKKENS, kapt. Dood, van Malaga met olijfolie naar St. Petersburg, is alhier met verlies van steng aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 20 juli. Volgens bij de rederij ontvangen telegram is het barkschip ELLY, kapt. J.A. Tinholt, na een zeer voorspoedige reis van 30 dagen van Philadelphia te Pillau gearriveerd. Alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 21 juli. Scheepsvrachten. Er werden nog een paar schepen gecharterd en werd besteed voor Londen of de Oostkust Sh.9/- per 10 quarters, en voor de Franse voorhavens Ffrs.12 per 30 hectoliter haver. Ook werden nog enige schepen bevracht voor stro naar de Firth of Forth tegen Sh.20/- per ton Engels gewicht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 juli. De Nederlandse stoomkanonneerboot DAS, gebouwd aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier, is de 18e dezer door het Noordzeekanaal tot buiten de hoofden in zee gestoomd. Die proeftocht is van hier tot in volle zee in 3 uren tijds volbracht en de terugtocht van de Noordzeesluis tot aan het Oosterhoofd in de tijd van 2 uren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 15 juli. Scheepsvrachten. De flauwe stemming, die al zolang in bevrachtingen heerst, nam deze week nog toe door de aankomst van vele schepen, waardoor er overvloed van ruimte is. Voor zeilschepen werd bewilligd: Naar Bremen 22 mark, Emden 191/2 mark per 80 kub. voet grenen delen; naar Vegesack 24 mark, Kopenhagen 20 mark per ctr. hennep; naar de oostkust van Noorwegen 16 à 18 mark per 5.000 ponden rogge, naar de grootte van de schepen; naar Bergen, voor een klein schip 18 mark per 5.000 ponden rogge; naar kolenhavens aan de oostkust van Engeland Sh.1/6 inclusief, naar Stockholm Sh.1/9 per 500 ponden tarwe. Voor enige zeilschepen is nog hout naar Oost-Friesland, Brake en Delfzijl voorhanden.


23 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juli. Heden liep alhier (opm: Charlois) van de werf van de firma J. Smit Cz. met het beste gevolg te water het barkschip GROEN VAN PRINSTERER, groot plm. 780 gemeten ton, gebouwd voor rekening van de heren Voorhoeve & Jelier te Rotterdam en zullende gevoerd worden door kapt. J.E. de Jong.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft uit Vlissingen van woensdag: De hier met bestemming naar Nieuwediep vertrokken loodsstoomboot FRANS NAEREBOUT, aan boord hebbende de kapitein ter zee titulair Jhr. H.P. de Kock, hoofdinspecteur over het loodswezen, die sedert een paar dagen in deze omstreken verschillende inspecties had gehouden, is hedennacht uit zee teruggekeerd wegens een bekomen averij, die noodlottige gevolgen had kunnen hebben.
Op de hoogte van Westkapelle liep de boot, bij donker weer en onstuimige zee, op de belboei, waardoor zij een aanzienlijk gat in de boeg, aan bakboordzijde, bekwam. Gelukkig was dit gat vrij hoog boven de waterlijn, ofschoon voortdurend de pompen moesten lens gehouden worden. De boot wordt alhier op de werf van de Koninklijke Maatschappij De Schelde gerepareerd; met het aanbrengen van een nieuwe plaat zal men binnen een paar dagen gereed komen, zodat de boot dan opnieuw haar reis zal kunnen aanvaarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaar Albertus Vinke zal als lasthebbende van zijn principalen op maandag 7 augustus 1876, des namiddags te 3 uur, in het lokaal De Brakke Grond, in de Nes te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, publiek veilen het extra snelzeilend brikschip ST. OLAF, varende onder Noorse vlag, gevoerd door kapt. Ch. Olsen, groot 117½ Noorse commercelast en volgens meetbrief afgegeven te Amsterdam, lang 28 el 50 duim, wijd 5 el 60 duim, hol 3 el 68 duim en alzo groot 261 tonnen of 138 lasten. En dat met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris. Het schip ligt thans voor de Nieuwe Houthaven te Amsterdam en zal later in het Oosterdok aldaar worden gehaald.
Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaar of de cargadoors Vinke & Co.


24 juli 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 21 juli. Het stoomschip DRENTHE, kapt. Kramers, van Batavia naar Rotterdam, is heden ochtend te Suez gearriveerd. Het heeft een schroefblad gebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op de 18e juli 1876, ten verzoeke van Johanna Bulthuis, weduwe van wijlen Johannes Boeles Hopkes, wonende te Groningen, heb ik Pieter Hekkema, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Groningen, voor de 2e maal gedagvaard Boele Johannes Hopkes, matroos, vroeger wonende te Groningen, om op de 27e oktober 1876 te verschijnen ter audiëntie van de Arrondissements Rechtbank te Groningen, ten einde:
- aangezien de gedaagde in het laatst van de maand oktober 1870 van Groningen naar Londen is vertrokken ten einde als matroos te varen op de brik VRIENDENKRING, kapt. H. Scheltens, welk schip destijds te Londen was liggende.
- aangezien de gedaagde, na met hetzelve twee reizen volbracht te hebben, blijkens ingekomen bericht op de 2e september 1871 met gemeld schip uit St. Petersburg is uitgezeild met bestemming naar Groningen.
- aangezien sinds die datum noch van gedaagde, noch van het schip en deszelfs overige bemanning enig bericht meer is ingekomen en het zo goed als zeker is dat gemelde bodem in de nacht van de 24e op de 25e september 1871 voor het zeegat de Eems met de bemanning totaal is verongelukt.
- aangezien eiseres als moeder en mede-erfgename van gedaagde er belang bij heeft dat door de rechtbank worde verklaard dat er rechtsvermoeden van overlijden bestaat.
Mitsdien in persoon of door iemand van zijnentwege van zijn aanwezen te doen blijken.
P. Hekkema, deurwaarder (opm: sterk bekort)


25 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op donderdag 3 augustus 1876, des namiddags te twee uur, in het Fransche Koffiehuis, aan de Zuidblaak te Rotterdam, ten overstaan van de deurwaarder Johan Coenraad Lach, van een hecht en sterk gebouwd tjalkschip, genaamd DE VROUW ELISABETH, groot 80 ton, met complete solide inventaris, liggende aan de Houtbrug nabij Zuidblaak te Rotterdam en aldaar vanaf zondag 30 juli te bezichtigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Passagiers Nederlands-Indië. London - Java via Suezkanaal. Het nieuwgebouwde stoomschip JAPARA, 100 A.I, 1.238 tons gross register, zal 19 augustus van Londen vertrekken naar Batavia. Dit nieuwe stoomschip, in eigendom behorende aan de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, is speciaal ingericht voor eerste en tweede klasse passagiers. Nadere informatiën te bekomen bij de agenten Vroege & De Wijs te Rotterdam en Browne van Santen & Geveke te Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 21 juli. De gezagvoerder van het stoomschip LA PLACE, te Havre aangekomen, rapporteert de 14e juli op 38˚ NB 13˚ WL te zijn gepasseerd het verlaten schip CAROLINA, masteloos en vol water.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nerva, 18 juli. Kapt. F. Teerling, voerende de schoener ONCKO, van Delfzijl hier aangekomen, meldt, dat hij zaterdag de 15e dezer, tussen Dagerort en Odesholm, de schoener HOFFNUNG, uit Stralsund, met overgeworpen lading aansprak. Kapt. Teerling had wegens het stormachtige weer niet de gewenste assistentie kunnen verlenen. De naam van de kapitein van de HOFFNUNG was hij niet gewaar geworden. Kapt. Teerling wilde de equipage van de HOFFNUNG overnemen, doch de kapitein weigerde dat zij het schip zou verlaten. Om niet zelf in gevaar te komen, was kapt. Teerling daarna weer onder zeil gegaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 15 juli. Scheepsvrachten. Gesloten is naar Harlingen 21 c. per oude Amsterdamse voet Hollandse balken, NLG 35 per tult Noorse kapbalken en 21 c. per oude Amsterdamse voet kapbalken; naar Amsterdam 23 c. per oude Amsterdamse voet Hollandse kapbalken, NLG 19 per last muurlatten; naar Gent 41 Bfrs. per last vlas en Sh.19/6 per load ronde sleepers; naar Granton Sh.12/-, Bo'ness Sh.13/-, Alloa Sh.14/- per load vierk. sleepers; naar de oostkust van Schotland Sh.20/- per ton beenderen; naar Hartlepool Sh.40/- per standaard planken; naar Londen per stoomboot Sh.1/101/2 per 320 ponden haver, Sh.30/- per ton hennep.


26 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De navolgende bijzonderheden worden meegedeeld omtrent het dubbel ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN, dat thans aan de Rijks-Marinewerf te Amsterdam gereed ligt om naar zee te worden gesleept, zodra de passage door het Kanaal door Holland op zijn smalst (opm.: Noordzee Kanaal) voldoende is verkend, door middel van een mal.
Het schip dat 285 voet lang is, is voorzien van twee gepantserde torens, die op het dek een huid hebben van 64 centimeter. Elke toren is voorzien van twee kanonnen, die ieder ongeveer 55.000 Engelse ponden wegen en waarmee glasharde granaten van 180 en gewone granaten van 150 kilo worden geworpen. De kanonnen zijn in 1875 gegoten in de geschutgieterij van Sir W.C. Armstrong en Co. De torens kunnen 6 maal per minuut draaien. Achter de voortoren bevindt zich het zwaar gepantserd verblijf van de commandant, die van dit plekje alles dirigeert door middel van telegrafen en luchtdruktoestellen. De verschansing op het dek is zo gemaakt dat zij, bij een eventueel gevecht, geheel kan worden weggenomen.
Op het tussendek bevindt zich het logies voor het volk en een machine voor het ankerspil. Midscheeps zijn aan stuurboord de verblijven voor de zieken en gewonden, de badkamer, de apotheek, de hutten voor de adelborsten, de hofmeester, de officier van administratie, enz., terwijl zich aan bakboord de hut van de officier van gezondheid en die van de machinisten bevinden. In het achterschip is de keurig nette longroom voor de zes officieren, omgeven door zes hutten, die zo comfortabel mogelijk zijn ingericht. De salon van de commandant, met kajuit, slaapkamer en badplaats, onderscheidt zich door een hoogst nette inrichting.
Het kuil- of torendek is verdeeld in zes waterdichte compartimenten. De torens, die op één punt draaien, zijn hier omgeven door pantserwallen. Men vindt hier een hydraulisch (koud water) toestel om het geschut te lichten, benevens een stoom- en handstuurmachine. Het schip kan echter nog op drie andere plaatsen worden gestuurd.
De buitenhuid van het schip is 26 millimeter dik, daarop een houten huid van 30 centimeter, die weer gedekt is door een pantserplaat van 22 centimeter. Hierop volgt de "windpassage" of "kanaal voor waterberging", die van binnen is afgeschoten door een stalen huid van 10 millimeter dikte. Voor en achter bevinden zich de kruitkamers en de granaathokken.
Het schip wordt bewogen door twee machines van 600 paardenkracht. Het aantal ketels is 7, dat van de vuren 20.
Zr.Ms. ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN, in zijn tijd een groot en modern oorlogsschip
(foto: particuliere collectie)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juli. Het Nederlandse schip DISQUIET, kapt. Rasker, van Hartlepool naar Bergen, heeft, volgens telegram d.d. gisteren, bij laatstgemelde plaats op de klippen gestoten en is in 5 vadem water gezonken.
(opm: later gelicht en opnieuw in de vaart)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juli. Volgens brief van kapt. Zeijlemaker, voerende het Nederlandse schip STAD DOCKUM, van Riga naar Nederland, d.d. Mandal 18 dezer, was hij met verlies van een gedeelte deklast en wegens stormweder aldaar binnengelopen. Kapt. Zeijlemaker rapporteert dat de haven van Mandal geheel vol lag met schepen, die alle aldaar wegens slecht weder waren binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 juli. Alhier is in publieke veiling verkocht het gestrande en afgebrachte Noorse schoenerschip SKJÖLD, voor NLG 1.235; koper H. van Neck.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen in het lokaal aan de Scheepmakershaven te Rotterdam op dinsdag 25 juli: het fregatschip KOSMOPOLIET II, groot 1.077 ton, gebouwd in 1865, laatst gevoerd door kapt. Huizer, is verkocht voor NLG 35.000 aan de heren Hudig en Blokhuizen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 juli. Scheepsvrachten. Aangezien de granen-aanvoer van bijna geen betekenis is, komt er naar scheepsruimte bijna geen vraag meer voor en zijn enkele voorkomende vrachten uiterst laag. Heden werd een enkel schip gecharterd direct voor Rochester tegen Sh.6/- per 10 quarters haver, Engels gewicht.


27 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 juli. Een afgekeurd verdedigingsvaartuig, aan de kanten voorzien van staketsels ter verbreding en met een diepgang, gelijkstaande met die van het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN, is hedenochtend door een sleepboot getrokken, naar het Noordzeekanaal gestoomd. Aan boord bevinden zich ambtenaren van 's Rijks Werf en officieren van de KONING DER NEDERLANDEN, benevens twee kanaalloodsen. Het doel is, op verkenning uit te gaan, ten einde de juiste gesteldheid van de kanaalbodem en de kanaaldiepte op alle punten te onderzoeken, om dan te oordelen of het ramtorenschip er door zal kunnen worden gebracht. Uit de aard der zaak duurt een dergelijke tocht zeer lang, daar hij niet, zoals geloofd werd, een algemene repetitie is, maar een proefneming, waarvan de uitslag twijfelachtig mag worden genoemd. Eventuele ondiepten zullen moeten worden weggebaggerd, eer het model de reis kan voortzetten en men mag aannemen, dat met de reis tot in zee een paar dagen zullen gemoeid zijn; voor heden bestond het plan niet verder te gaan dan de sluizen te Velzen. Uiterst langzaam en voorzichtig wordt de zogenaamde mal, waarvan het tijdelijke houtwerk niet veel lijden kan, door het kanaal voortbewogen. Tot deze behoedzaamheid is te meer reden, omdat het zeer bedenkelijk zijn kon, als de proef mislukt en het ramschip zelf eens bleef vastzitten in de geul. Er zouden dan vrij wat tijd en moeite nodig wezen om het kanaal weer te bevrijden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 19 juli. De Nederlandse schoener GEBROEDERS SIKKENS, kapt. Dood, is van een nieuwe steng voorzien en gereed om naar St. Petersburg te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 11 juli. Het Nederlandse barkschip THORWALD, kapt. Gundersen, van Pascagoula naar Cherbourg, is op Sand Eiland Spit (bij Pascagoula; pos: 30º11’ NB 88º03’ WL) gezonken.
Sand Island Light (obsolete)
JB 270776
Advertentie. Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij. Aan aandeelhouders wordt kennis gegeven, dat in een algemene vergadering, in Londen gehouden de 9e juni 1876, is besloten het dividend over het jaar 1875 op 18% vast te stellen. Voor de uitbetaling van de resterende 12%, zijnde NLG 21,60 per aandeel over het laatste halfjaar 1875, zal tegen kwitantie in duplo worden gevaceerd te Batavia ten kantore der Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij en te Samarang en Soerabaija bij de agenten, vanaf heden tot en met de 31e augustus 1876.
27 juli 1876, de hoofdagent en vertegenwoordiger der Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij, A. Fraser.


28 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 juli. Men meldt ons uit Amsterdam, dat het vaartuig met de mal van het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN, dat gisteren tot aan de Noordzeesluizen is genaderd, is geschut, doch de wind en de zee laten niet toe om de proef tot buiten de hoofden voort te zetten. De tocht door het kanaal is goed geslaagd, alleen op een honderd meter afstand van de brug was een weinig betekenende ondiepte, welke terstond is weggeruimd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 26 juli. De JOHANNA MARIA, kapt. Fenenga en het Engelse stoomschip ETHEL zijn in aanvaring geweest tengevolge waarvan eerstgenoemde gezonken is. De equipage is gered en de stoomboot alhier binnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 25 juli. Het Groninger tjalkschip GEERT JAN KORTRIJK, kapt. L.P. Krook, van Leer met ijzer naar Kopenhagen, is wegens lekkage hier in de haven gekomen. Het zal moeten lossen.


29 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 27 juli. Het schip JELTINA, kapt. Mulder, van Rotterdam naar Koningsbergen, met steenkolen geladen, is bij Iverstad (opm: Tversted; pos: 57º36’ NB 10º11’ OL) op de kust van Jutland gestrand. Nadere bijzonderheden ontbreken.
(opm: zie ook NRC 030876).


 CCR - Curaçaosche Courant

Advertentie. Namens het Bestuur dezer Kolonie wordt bekend gemaakt, dat volgens mededeling van de heer kapitein ter zee, divisie-commandant, op een nader te bepalen tijdstip op publieke veiling ter sloping verkocht zal worden Zr.Ms. stoomschip KIJKDUIN, hetwelk eerstdaags uit Suriname hier verwacht wordt.
De verkoop zal geschieden met werktuigen, ketels, tuig, zeilen, losse en vaste goederen en onbruikbare inventarisgoederen, voor zover de laatste niet behoren tot de wapening en de artilleriebehoeften.
De Gouvernements-secretaris W.B. Mellink


30 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juli. Men meldt ons uit Amsterdam: De proef met de mal van het ramschip, gisteren van de Noordzeesluizen af naar zee genomen, is niet gelukt; buiten het eigenlijke kanaal stootte men al spoedig zó, dat de tocht niet kon worden voortgezet. Het zand tussen de hoofden verplaatst zich dikwijls, zodat dáár op een diepe geul nog weinig staat is te maken.
In het IJ ter hoogte van de Nieuwe Houthaven is de diepte mede niet voldoende bevonden; een aanzienlijke hoeveelheid grond zal daar nog moeten worden gebaggerd. Het vervoeren van het ramschip zal dus nog wel enige weken moeten worden uitgesteld. Het vaartuig met de mal is heden teruggekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. Het Engelse stoomschip EDDYSTONE is hedenmorgen ten 6 ure van hier langs het nieuwe Noorzeekanaal naar Hull vertrokken, was reeds ten 9 uur in zee en heeft dus in slechts 3 uur de tocht volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 28 juli. Het Nederlands schip STAD DOCKUM, alhier van Riga binnen, heeft op de reis een gedeelte van de deklast verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 28 juli. Volgens alhier ontvangen bericht is het Nederlands schip GESINA EN JANSJE, kapt. Brouwer, 14 juni te St. Catharina (Brazilië), binnengesleept met verlies van tuigage.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 28 juli. De Engelse vissloep FRIENDS ENDEAVOUR, is op 7 Engelse mijlen afstand van hier gezonken, doch het volk gered.


31 juli 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oude Pekela, 28 juli. Van de werf van de scheepsbouwmeester F.G. Wortelboer, is te water gelaten een nieuw gebouwd tjalkschip, groot 60 ton, genaamd KOOPHANDEL. Het werd gekocht en zal bevaren worden voor rekening en onder directie van de heer P. Drost, te Texel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fredrikshaven, 29 juli. Het stoomschip ANNA PAULOWNA, kapt. Brouwer, is met schade door aanvaring alhier gepasseerd, bestemd naar Kopenhagen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Hamburgisches Amtsgericht Ritzebüttel. Verkaufsanzeige und Proclam.
Nachdem auf Anhalten van R. Tönnies, Kläger, gegen Capitain H. de Boer vom Niederländischen Schiffe JOHANNE KARLINE Beklagten, der öffentliche Verkauf des in Pfand genommenen Tjalkschiffes JOHANNE KARLINE mit Inventar rechtskräftig erkannt worden, ist Termin zum öffentlichen Verkaufe des gedachten Niederländischen Tjalkschiffes JOHANNE KARLINE, welches zuletzt mit einer Ladung Zucker van Itzehoe nach Leer bestimmt, wegen Havarie in Cuxhaven eingelaufen ist und jetzt im Hafen zu Cuxhaven liegt, auf Donnerstag den 31 August 1876, nachmittags 3 Uhr, in Borst's Hotel in Cuxhaven angesetzt, und können die Verkaufsbedingungen und das Verzeichnisz des zum Schiffe gehörigen Inventar vor dem Termine auf der Gerichtsregistratur eingesehen werden.
Alle Schiffsgläubiger und sonst Berechtigte werden aufgefordert, bis zum Verkaufstermin bei Vermeidung der gesetzlichen Nachtheile ihre Ansprüche auf der Gerichtsregistratur anzumelden.
Ritzebüttel, den 26 Juli 1876. Das Amtsgericht: A. Reinecke.


01 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Door het Admiraliteitshof te Londen is uitspraak gedaan in de zaak van de aanvaring tussen het Engelse stoomschip SAVERNAKE en het Nederlandse stoomschip VESUVIUS, de 7e april laatstleden bij Hastings, ten gevolge waarvan laatstgenoemde gezonken is. Het oordeel van het Hof was, dat de gezagvoerders van beide schepen schuld aan de aanvaring hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 31 juli. Alhier is binnengekomen het stoomschip STAD AMSTERDAM, van Londen, hetwelk is ingehuurd door de Maatschappij Nederland voor een reis naar Batavia, in plaats van het stoomschip PRINSES AMALIA, te Glasgow reparerende.


  AH - Algemeen Handelsblad

Een en ander naar aanleiding van het proces H. Muller & Co. contra de Maatschappij Nederland, in zake van het verbrande stoomschip WILLEM III en over zeeassurantie in het algemeen, door Veritas, Amsterdam G. G. Brugman.
Ziedaar de lange titel van een kleine, maar belangrijke brochure, die ons heden wordt toegezonden. De schrijver verdedigt daarin, bij brand wegens onbekende oorzaak, het beroep op het bekende art. 345 van het Wetboek van Koophandel, dat bij het genoemd proces de hoofdrol gespeeld heeft. Hij komt er tegen op, dat men de verzekeraars, die bij dat proces betrokken waren, van immoraliteit heeft beschuldigd. De verzekeraars, zo beweert hij, lijden veel schade èn daar de clausules en cognossementen bij de stoomvaart, waarbij de rederijen haar aansprakelijkheid zoveel mogelijk verminderen, èn door de on-zeewaardigheid van vele schepen, die de reders toch laten verzekeren. Als middel van tegenweer acht hij het geenszins immoreel, dat de assuradeurs op hun beurt van een wetsartikel gebruik maken tegenover de reders. Wij vrezen, dat deze gevolgtrekking niet algemeen zal worden toegegeven; er zullen stellig zijn, die in een lichtvaardige onderwerping aan beperkende clausules en in het roekeloos verzekeren van ”drijvende doodkisten", geen aanleiding zien om het proces in zake de WILLEM III van een gunstiger standpunt te beschouwen. De brochure bevat echter meer: Het grootste gedeelte is gewijd aan een beschouwing over de ongunstige toestand van het assurantie vak, over de oorzaken daarvan en de middelen tot herstel. De schrijver voegt hier zijn stem bij die van zovelen, die dat onderwerp reeds hebben besproken en het is te hopen, dat hij niet vruchteloos geschreven heeft. Wij, persoonlijk, hebben ten slotte nog een woord te zeggen aan de schrijver. Zijn brochure begint met een aanhaling uit ons blad, waarin over het immorele van het proces Muller & Co. werd gesproken en daaraan knoopt de schrijver zijn, gelijk wij zagen, niet zeer afdoende opmerkingen vast. Maar op blz. 10 zegt hij: “Ten slotte zal de vraag aan de redactie van het Handelsblad wel geoorloofd zijn, waarom de effect makende frasen van de Times wel gereleveerd worden en niet de beschuldigingen door een deskundige en een staatscommissie van enquête geuit ?"
Die deskundige is de heer H.P. Hazewinkel, in zijn werkje over de scheepsdiepgang, en die commissie is de bekende commissie van enquête over de koopvaardijvloot. Welnu, over beide hebben wij bij herhaling gesproken; het rapport van de commissie hebben wij bijna geheel afgedrukt en aan de “drijvende doodkisten", door de heer Hazewinkel gesignaleerd, hebben wij menig artikel gewijd, met aanhaling van diezelfde woorden, die Veritas er uit overneemt. Evenals hij, hebben wij aangedrongen op beter onderzoek naar de zeewaardigheid van schepen en het nemen van maatregelen tegen het aankopen van slechte buitenlandse schepen. Wij willen gaarne aannemen, dat die artikelen hem ontgaan zijn, maar vragen op onze beurt of het niet van grote lichtvaardigheid getuigt, zulke ongegronde beschuldigingen te uiten en dat nog wel bij iemand, die zich “Veritas" noemt?


02 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 19 juni. Vrachten. In de vraag naar scheepsruimte is sedert ons vorig bericht nog weinig verbetering gekomen en werd door de Factorij op de 17e dezer een inschrijving gehouden voor de overvoer van producten van Java naar Nederland, waarvan de uitslag later vermeld wordt. De particuliere afsluitingen voor Nederlandse stoomschepen waren: PRINS HENDRIK naar Nieuwediep NLG 95 voor koffie en tabak, NLG 100 voor thee, NLG 120 voor indigo en NLG 50 voor particulier tin, FRIESLAND, NLG 90 voor tabak, NLG 95 voor thee, NLG 120 voor indigo, NLG 50 voor particulier tin, KRIMPEN AAN DE LEK, NLG 60 voor koffie, NLG 85 voor huiden, NLG 57,50 voor tabak, ELISABETH MARIA, NLG 67,50 voor koffie, te Tjilatjap te laden; alle naar Rotterdam. Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: UTRECHT, SALATIGA, WIJK AAN ZEE, ELECTRA, LAURENS COSTER, CORNELIA, MINA, PROFESSOR SIMON THOMAS, JONGE JAN, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAEL, EMMA en NEREUS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 1 augustus. De schade aan de NOACH IV, 23 mei ter rede van Brouwershaven door Zr.Ms. monitor ADDER toegebracht, is deze dagen door deskundigen bepaald op een som van NLG 9.000 en zal door het Rijk worden gedragen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 31 juli. Het kofschip HARMANNA DIJK, kapt. Wortel, gepasseerde donderdag van hier vertrokken, is in Bolderaa teruggekomen met gebroken grote mast.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 31 juli. Het stoomschip ANNA PAULOWNA, van Amsterdam naar Riga, is alhier zwaar beschadigd door aanvaring bij Skagen met een onbekend schip binnengelopen. De bezaansmast is verloren en het hek geheel ingedrukt. Een gedeelte van de lading moet gelost worden om te kunnen repareren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. D. Heydeman Jr., J.F.L. Meyjes en H. Tollenaar makelaars, zullen als lasthebbenden van hun principalen op maandag 7 augustus 1876, 's namiddags om 3 uur, in De Brakke Grond, in de Nes alhier, ten overstaan van de notaris P. Scheltema Beduin, in veiling brengen diverse scheepsaandelen, als:
- 1/64 Aandeel in het gekoperd Nederlandse barkschip JACOB ROGGEVEEN, groot 377 gemeten lasten, gevoerd kapt. J.C. Rolff, thans op reis van Java naar Amsterdam.
- 1/32 Aandeel in het gekoperd Nederlandse barkschip GEESIENA MARIA, groot 267 gemeten lasten, gevoerd door kapt. T.J. Ridder, thans op reis van Samarang naar Sumanap.
- 1/32 Aandeel in het gekoperd Nederlandse barkschip HENRIËTTA, groot 228 gemeten lasten, gevoerd door kapt. J.R. Brouwer, thans liggende voor deze stad.
Bovengenoemde drie schepen, varen onder directie van de heren Jer. Meyjes & Zonen alhier.
- 1/16 Aandeel in het Nederlandse brikschip WILLEM JACOBUS, groot 112 gemeten lasten, gevoerd door kapt. W.P. de Vries, varende onder directie van de heer D. Heydeman Jr., thans op reis van Amsterdam naar Suriname.
Nadere inlichtingen begerende, vervoege men zich bij bovengenoemde makelaars.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J.F. Schutte, A. Langerhuizen, J.A. Siewe Jr., J.C. Schutte, J.F.L. Meijes, H.J. Holgen, N. Smit Jr., I. Bos Janszen, A. van de Vijzel, A. Vinke, E. Scheltema H.Gzn., J. van Nulck Jr. en J. Draaijer Hzn., makelaars, zullen op maandag 7 augustus 's avonds te zes uur, in het lokaal De Brakke Grond, ten overstaan van de notarissen Van Zijp en Bruno Tideman, in veiling brengen:
No. 1-13. De van ouds bekende werf De Roode Leeuw, liggende in de Valkenburgerstraat, belendende het perceel buurt S, No. 146, bekend bij het kadaster in sectie H. No. 6912, groot 8 aren, 53 centiaren en wel in 13 verschillende erven, welke door hun ligging zeer geschikt zijn voor bouwterreinen, oprichting van een diamantslijperij of andere grote ruimte behoevende inrichting.
No. 14. Tot amotie de op die erven staande voor een paar jaar nieuw gebouwde loods, een oppervlakte van ongeveer 774 meter vierkant hebbende en zijnde tot verplaatsing zeer geschikt. De nummers 1 tot 14 worden, na eerst ieder afzonderlijk bij opbod en afslag geveild te zijn, in verschillende combinaties en ten laatste tezamen in afslag geveild.
No. 15. De kapitale, hechte en sterke houtloods, genaamd Amerika, staande en gelegen in de Valkenburgerstraat, buurt S, No. 50, bekend bij het kadaster in sectie H, No. 1013 en 1014, groot 6 aren, 9 centiaren. Deze loods met kapitale opslag aan het water is bijzonder geschikt tot oprichting van een fabriek of anderszins.
No. 16. Een werf en erve, liggende in de Valkenburgerstraat achter het perceel S, No. 101, kadaster sectie H, No. 4884, groot 1 are, 24 centiaren.
No. 17. Een werf en erve, liggende in de Valkenburgerstraat achter het perceel S, No. 93, kadaster sectie H, No. 1097 geheel en 4622 gedeeltelijk groot ongeveer 1 are, 37 centiaren.
No. 18. een werf en erf, liggende in de Valkenburgerstraat, achter het perceel S, No. 91, kadaster sectie H, 4622, gedeeltelijk groot ongeveer 1 are, 5 centiaren.
No. 17 en 18 worden eerst elk afzonderlijk bij opbod en afslag en daarna tezamen in afslag geveild.
De percelen en werven zijn te bezichtigen dinsdag en donderdag, alsmede op de verkoopdag van 1 tot 3 uur. De veil-condities zullen op de gewone tijd ter lezing liggen ten kantore van de notaris Van Zijp en kopie derhalve ten kantore van de notaris Bruno Tideman.


03 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 – 30 juni. Vergaan van het schip LUITENANT GENERAAL KROESEN.
Sedert enige dagen wachtte men het stoomschip LUITENANT-GENERAAL KROESEN, van de Nederlandsch Indische Stoomvaart-Maatschappij, dat van Atchin te Padang gekomen was en van daar over Benkoelen en Telok Betong herwaarts zou stomen. De 24e dezer bracht de kapitein van dat schip, Verloop, de verschrikkelijke tijding, dat dit vaartuig in de avond van 21 dezer aan de ingang van de Lampong-baai op een blinde klip was gelopen en vijftien minuten daarna, terwijl men bezig was de sloepen te bezetten, het schip letterlijk door midden gebroken, de achterste helft met vele passagiers gezonken en het andere gedeelte omgeslagen was. De eerste sloep was bovendien door de aandrang van mensen mede omgeslagen. De kapitein had 2½ uur in zee op een stuk hout gedreven en was toen door een zijner sloepen opgenomen.
Aan het Algemeen Dagblad van Nederlandsch Indië van 28 juni ontlenen wij de volgende:
Bijzonderheden omtrent de redding der overgebleven passagiers.
Heden morgen ten half twaalf is de BARON BENTINCK hier aangekomen, medebrengende van Telok Betong mevr. Bosch met een kind en de heren Edeling, Braam, Schultz, Rosenraat en maj. Booms.
Hadden sommigen nog gehoopt, dat dit schip nog andere geredden zou meebrengen dan de reeds bekenden, zo is die hoop teleurgesteld.
Van maj. Booms weet men, dat hij van allen het langst op het water drijvende heeft rondgezwalkt.
Er is slechts één kind van mevr. Bosch gered. De huisjongen van maj. Booms, die te water was geraakt, zag het drijven op een beddenkussen, waarover een mat gebonden was; hij had het geluk het te bereiken en aan de bemanning der boot, die ook hem redde, toe te reiken. Het blijkt, dat de passagiers, althans sommigen onder hen, en daaronder mevr. Bosch, plaats genomen hadden in een der boten langs het achterschip. Mevr. Bosch had toen haar jongste kind bij zich; de andere kinderen waren nog niet in de boot, toen het achterschip zonk. De boot, die nog vast was in de davits, dreef, totdat het schip diep genoeg weggezakt was om ook de boot naar beneden te slepen; in die tussentijd waren de passagiers op de tent over het achterdek, toen die gelijk kwam met de boot, uitgestapt en zonken met het schip mee. Het kind, dat mevr. Bosch bij zich had, kwam daarbij om.
Weder boven komende waren sommigen, de geredden, zo gelukkig iets te grijpen, waarop zij zich boven konden houden, en drijvende, met behulp van een plank, een stoel, bank, of enig stuk van ’t schip, zag men het donker worden, en bracht men een vreselijke nacht door.
De heer Schultz moet het eerst aan land gekomen zijn.
Mevr. Bosch, drijvende op een plank, zag, toen het licht werd, een inlander op een der houten scheepsroosters drijvende, wist daarheen te komen en had daardoor een veel steviger steun dat te voren. Toen duurde het tot twee ure in de middag, het was toen donderdag, eer zij aan land kwamen, tweemaal door de branding teruggeslagen, maar weldra geholpen door de heer Schultz en een inlander, die daar in de nabijheid waren aangespoeld.
Het eerst wat men deed, was in het bos drinkwater opzoeken. Men had het geluk dit spoedig te vinden, en, aan ‘t strand teruggegaan, zag men daar ook weldra de heer Edeling en voorts de heer Rosenraat aan land drijven. Eten had men niet anders dan enkel een blik gedroogde labberdaan en een vaatje boter, dat daar werd aangespoeld en waarvan de inhoud door enige geredde matrozen bij lepels vol werd gegeten; voorts de vruchten, die men in het bos kon vinden.
Die nacht bracht men aan ’t strand door. Het gezelschap werd nog met enige inlanders en matrozen, die eveneens gered waren, vermeerderd. De plaats waar men zich bevond was een punt aan de Peperbaai.
De volgende dag beweerden de inlanders, dat het hun gelukken zou een kampong te vinden. Enigen van het gezelschap, bij wie de hoop op die uitkomst sterker was dan de afmatting, ondernamen een tocht in het bos, waar zij urenlang vergeefs zochten. Mevr. Bosch bevond zich onder dezen.
Toen het donker werd, bleef er niets anders over, dan de nacht (van vrijdag op zaterdag) in het bos door te brengen. De volgende morgen besloot men het strand weder op te zoeken, en op die tocht had men het geluk de controleur van Telok Betong met de inlanders, die naar schipbreukelingen waren gaan zoeken, tegen te komen.
Deze voorzagen de ongelukkigen van enig voedsel, en lieten hen naar Poeloe Lananga brengen, waar sommigen, waaronder ook maj. Booms, aangeland waren, en dat tot verenigingspunt diende, van waar men gezamenlijk naar Telok Betong ging.
Hetzelfde blad meldt in zijn nummer van 30 juni:
Naar wij vernemen, is de heer Edeling, als deskundige door de officier van justitie uitgenodigd hem een rapport in te zenden omtrent de schipbreuk.
De heer Edeling, die op een luik, een stoel en een roeiriem twintig uur heeft rondgedreven, is op het uiterste ogenblik gered geworden door een inlander, die gedurende de eerste uren na de schipbreuk in zijn nabijheid had gedreven, maar een uur of vier voor hem, omstreeks vrijdagmiddag, reeds aan wal gekomen was. De heer Edeling, vrijdag de 23ste ten 4 ure het land naderende, geraakte in de branding en was reeds 4 maal door de golven vooruit en achteruit geslagen en bedolven, toen die inlander, die reeds weder enigszins bij krachten gekomen was, zich zover mogelijk in de branding begaf en het geluk had juist in tijds een hand te grijpen, die de heer Edeling, op het punt van te verdrinken, boven water uitstak. De tocht door het bos, die de heer Edeling op zaterdag met mevr. Bosch, de heer Schultz enige inlanders mede maakte, moet buitengewoon bezwaarlijk zijn geweest. Het terrein bestond afwisselend uit bergjes van twee en driehonderd voet hoog, en moerasgrond tussen de wortels der rizophoren, waar men somtijds tot aan het midden inzakte.
De heer Rosenraat, die ook een groot aantal uren in ’t water heeft doorgebracht, heeft zich, naar wij vernemen, een bank, waarop hij, in vereniging met nog een ander stuk hout dreef, zien ontnemen door een ander drenkeling. Daarentegen kwam hem al spoedig een Engels machinist achterop drijven, die op zulk een zwaar stuk hout zat, dat hij geen bezwaar maakte, de ander daarop plaats te verlenen. Na nog eenmaal daarvan afgeslagen te zijn door de golfslag, heeft de heer Rosenraat zijn plaats daarop weder kunnen bereiken, en is waarschijnlijk de enige geweest, behalve zijn metgezel, die drijvende de lange reis naar land in gezelschap heeft afgelegd.
Na deze voorlopige berichten deelt het blad omtrent de schipbreuk zelve, alsook omtrent de redding van enkele personen, de volgende nadere bijzonderheden mede:
Het diner was afgelopen. Alle kajuitpassagiers hadden zich naar boven begeven, behalve mevrouw Weghake, de heer Welters en de Madurese luitenant, die in hun hutten waren gegaan, en behalve de vier heren Pet, Roozenraat, Thieme en Boom, die juist begonnen waren een partijtje te maken, toen zich een schok deed gevoelen. De opmerking werd gemaakt dat het zeker de schroef was die brak, en op voorstel van de heer Pet kwam men overeen de kaarten even neer te leggen en naar boven te gaan kijken.
Pas waren deze heren boven, of het schip begon van achteren over stuurboord over te hellen. Kapt. Thieme dadelijk ziende, dat er gevaar was, stelde terstond voor om mevr. Bosch met haar kinderen in de naaste boot langs het achterschip te zetten. Men liet geen ogenblik verloren gaan, doch door het hellen van het schip hing de boot in de davits een eindwegs van de verschansing af. Men nam het dochtertje en wierp het om het zo zeggen in de boot, daarna het oudste zoontje, daarop op dezelfde wijze met alle krachtsinspanning mevr. Bosch zelve; doch toen was de afstand tussen de boot en het boord zo groot geworden, dat men het jongste kind niet meer in de schuit kon krijgen.
Op dat ogenblik kwam een tweede veel heviger stoot, waardoor de personen op het dek tegen de daar aanwezige voorwerpen gesmakt werden en het achterschip geheel overzij ging, zodat de kajuit vol water liep. De heren Pet, Edeling en Boom liepen naar de hoge zijde van ’t schip en beproefden daar een bank los en overboord te werken. De heer Thieme was intussen bezig zich van zijn klederen te ontdoen.
Gedurende al die tijd was noch van de manschappen noch van de scheepsofficieren iemand op het achterdek geweest. Doch op dat ogenblik kwam kapt. Verloop aan, riep: “hij zinkt” en ging daarop terug naar zijn hut. De heer Pet, op enige afstand ziende, dat de kapitein iets was komen zeggen, vroeg aan maj. Boom: “Is alles reddeloos verloren?”- en het antwoord behoefde weldra niet meer gegeven te worden. Luitenant Ahn, zittende in een grote lange stoel, waarschijnlijk dit voor een goed drijfmiddel houdende, vroeg nog aan maj. Boom, of hij zwemmen kon, en toen deze kon antwoorden: “Als een rat”, feliciteerde hij hem: zeggende: “Ik ben zo gelukkig niet, ik zal mij moeten laten verdrinken.”
In het volgend ogenblik ziet maj. Boom, over de verschansing aan de hoge bakboordzijde heenziende, een sloep met zes man er in, onder welke een Europeaan langszij van het schip. Zonder bedenken springt hij overboord, gevolgd door zijn inlandse bediende, aan wiens zorg mevr. Boom bij het vertrek van haar echtgenoot naar Atchin, de veiligheid van zijn meester had aanbevolen. De majoor zwemt naar de sloep, tracht die te bereiken, waarop een der matrozen – er waren slechts zes man in de sloep – een boom tegen het schip steekt, afhoudt, en onder het geroep van “dajong”, de roeiers zich met de boot verwijderen. “Mijnheer!” roept maj. Boom de Europeaan in de boot toe, “Ik ben maj. Boom, denk om mijn vrouw en acht kinderen.”, doch vergeefs.
Aldus afgewezen, greep maj. Boom, steeds vastgehouden door zijn bediende, een touw, en half klimmende, half door de golven opgeworpen, bevond hij zich weldra weder op het schip, opklauterende tegen de zonnetent, terwijl het schip onder hem meer en meer wegzonk. De inlandse jongen liet zijn meester geen ogenblik los.
Opeens komt een derde hevige schok, waarop onmiddellijk de grote ijzeren mast met donderend geraas omver sloeg in schuinse richting naar achteren over de hut van de kapitein, in zijn val en die van het tuigage zeker 50 of 60 mensen verbrijzelde, wier akelige kreten het vreselijk geluid vermeerderde en ontzettender maakte.
Het gehele achterschip liep nu in een oogwenk vol water en verdween, met allen die zich daarop bevonden, in de diepte. De majoor, door zijn jongen losgelaten, kwam al watertrappende spoedig boven, ofschoon hij toch veel zeewater binnengekregen had, welk hij het geluk had weldra weer kwijt te raken. Bovenkomende stootte hij het hoofd tegen iets, en denkende dat het de kiel van een der boten was, spande hij reeds alle krachten in om daaronder vandaan te komen, toen het voorwerp week en bleek een deur te zijn, waaruit het onderpaneel was weggeslagen. Met de linkerarm zich daaraan vasthakende, greep hij met de rechter een stuk hout, dat in zijn nabijheid kwam en zag rond.
Van het schip was niets meer te bespeuren, en in ’t eerst ook van de opvarenden niets, doch toen de beweging in ’t water begon te bedaren, ontmoette hij weldra op stukken hout en houten voorwerpen drijvende de kapt. Rosenraat, een Engelse machinist en een aantal inlandse matrozen. Slechts een half uur vermocht men bij elkaar te blijven, toen dreef majoor Boom met vier inlanders, onder welke een inlandse vrouw, van de anderen af. Eer het 12 uur ’s nachts was, had hij deze ongelukkigen, die misschien minder gelukkig waren geweest in het vinden van een groot voorwerp om op te drijven, één voor één in de diepte zien verdwijnen.
Na nog enige tijd alleen rondgedreven te hebben, gevoelde hij iets tegen zijn borst stoten en bemerkte hij weldra, dat dit een drijvende plank uit het dek was, hij wist die met de benen te omklemmen, en had nu, behalve de beide steunsels onder zijn armen, ook een welkome steun onder het lijf, die hem de kracht in armen spaarde. Tegen de morgen ontdekte de majoor Boom op een afstand een klip waarop zich zes mensen bevonden, die hij echter niet kon herkennen, ofschoon zij hem toewuifden. Bang zijnde voor de hevige branding op die klip, deed hij ook weinig moeite om daarheen te komen.
Niet ver van daar bevond zich tegen en op een andere klip een weinig buiten de hevigste branding een persoon, geheel ongekleed; deze omstandigheid doet aan kapt. Thieme denken, die zich van zijn klederen ontdaan had.
Maj. Boom kon over het vlakke water heen zich horen toeroepen: “kom hier maj. Boom, dan zijn wij met zijn beiden”; maar het was hem onmogelijk die klip te bereiken, daar hij integendeel verder afdreef.
Die gehele dag, donderdag, ontmoette de schipbreukeling niemand meer. Hij dreef verscheidene eilanden op een afstand voorbij en moest zich ieder ogenblik het hoofd nat houden tegen de brandende zonnehitte. Van tijd tot tijd gelukte het hem eetbare voorwerpen op te vangen, bestaande in gedroogde aardappelen van het schip afkomstig. Telkens zag hij djerooks drijven, doch het gelukte hem slechts één daarvan te bemachtigen.
Was de vorige nacht kalm, helder en niet geheel donker geweest en snel voorbijgaan, de nu aanbrekende nacht was geheel anders. Na zonsondergang stak er een zware bui uit het noordwesten op, met zware golfslag. De plank die de drijvende tot nog toe gesteund had, werd hem onder het lijf weggeslagen; en de lucht was vinnig koud, ook het water, waarschijnlijk doordien de schipbreukeling in een andere stroom terechtgekomen was. Die stroom bracht hem de Lampong-baai binnen, die gehele baai in een kring rond en tegen de morgen in de Padada-baai.
Ten 4 ure, toen de dikste duisternis wegtrok, hoorde maj. Boom een geluid van branding om zich heen, en omziende, zag hij iets wits achter zich en bespeurde hij dat hij naar land dreef.
Weldra ziende, dat de branding hier niet tegen stenen, maar op een strand van leemgrond sloeg, spande hij hier al zijn krachten in om door een zwembeweging der benen, die hij na het verlies van de plank weder vrij had, het land te bereiken en voelde spoedig daarna grond. Twee en drie keren op het strand geworpen en weder teruggespoeld, bleef hij eindelijk liggen zonder een lid te kunnen verroeren en wachtte hij het opkomen der zon af. Toen de eerste zonnestralen hem een weinig verkwikten, ontdeed hij zich met de uiterste moeite van zijn uniformjas en pantalon; na enige rust ook van zijn schoenen en een deel zijner onderkleren, en begaf zich daarop op weg om iets verfrissends in het bos te vinden.
Een papaja en wat blimbing waren al wat hij vond, maar een welkom gezicht was een jonge aanplant van pisangbomen als bewijs, dat er mensen in de nabijheid woonden.
Dit gezicht gaf kracht om verder op te zoeken, en na een groot kwartier werd een alleenstaande vissershut gevonden, waar zekere hadji Akob tijdelijk verblijf hield. Iets anders dan rijst en vruchten was daar niet te krijgen, maar de ontvangst was allerliefderijkst; de geredde bleef er de gehele dag en de volgende nacht, van vrijdag op zaterdag door. De volgende dag bracht zijn gastheer hem met zijn sampan naar Telok Betong, waar hij zaterdag ten half drie aankwam en door dr. Heesen en echtgenote allervriendelijkst verpleegd werd tot aan het vertrek van de BARON BENTINCK.
Het eerste bericht van de “vermoedelijke” redding van maj. Boom is waarschijnlijk daaraan toe te schrijven, dat de Majoor het langst van allen heeft rondgedreven, en een der personen, die voor hem aan wal kwamen, hem in zee drijvende gezien heeft.
De bediende van de majoor Boom, die zijn meester tot op het laatste ogenblik had trachten te helpen en hem zelfs bij het wegzinken nog had toegeroepen: “Denk aan mevrouw”, dreef daarna een uur op een stuk hout in het water rond, toen hij het kind van mevrouw Bosch zag drijven, dat volgens hem zonder iets om op te drijven, gekleed in een hansop, zich door het spartelen met de handjes en voetjes van zelf drijvende hield en enige tijd te voren door de baboe, die in een boot gered is, was opgegeven. Na ongeveer 6 uren op die wijze te hebben rondgedreven, kwamen beiden onder het bereik van een schuitje, dat met matrozen der boot was gevuld en waar ook reeds de baboe van mevr. Bosch in was opgenomen. Nadat de bediende van majoor Boom het kind aan de opvarende had toegereikt, werd ook hij door de sloep opgenomen.
De man nam het kind op de schoot en maakte, door het voorover met het hoofd naar beneden te houden, dat het zeewater, dat naar binnen was gegaan, werd uitgespuwd. Niets werd verder door de opvarenden van deze schuit gezien, dan ontelbare stukken hout enz., doch van mensen zag of hoorde men in de duisternis niets. Bij het klaren van de dag zag men gelukkig land en stuurde naar een plaats toe, waar men, hoewel de branding hevig was, beproefde te landen. Dit gelukte. Het bleek, dat men zich op een Poeloe-langar bevond. Men deed nu in de eerste plaats een poging om te zien of er ook mensen te vinden waren en om van hen eten en drinken te krijgen.
Na een kleine mars kwamen zij aan de woning waar zij de vrouw des huizes, wier man, een hadjie, afwezig was, hun lot vertelden en om wat water en rijst vroegen, met de geruststellende of liever de meer doeltreffende dan geheel juiste mededeling dat de “Kompagnie” de onkosten wel zou vergoeden.
Na wat rijst en water gebruikt te hebben, kregen zij ook een prauwtje van de vrouw ter leen benevens 2 man, die nu (het was reeds 10 uur in de morgen) met de bediende van de heer Boom naar Telok Betong trachtten te komen, waar zij dan ook ten zes uur aankwamen.
De sloep, waarin de kapt. Verloop en anderen waren, was reeds vóór hen gearriveerd, zodat het onheil reeds bekend was en er behalve de gouvernementsstomer reeds vijf schuiten waren uitgezonden om zo mogelijk nog anderen te redden.
Volgens een bericht in de Indiër van 28 juni bevonden zich aan boord van het verongelukte schip:
I. Passagiers der 1e klasse: a. van Atchin majoor Boom; kapt. Thieme, Welters en Lublink Weddik, 1e luit. raden Djojo Poespito van de barisan van Pamakasan; b. van Padang: mevr. de weduwe Bosch en drie kinderen; mr. Weghake, de hoofdingenieur Pet, de hoofdambtenaar Edeling, de 1e luit. der mariniers Ahn, en de agent van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij te Padang, Nagtglas Versteeg; c. van Benkoelen: de kapt. Rozenraad en mej. Leicester.
II. passagiers 2e klasse: a. van Atchin: één Europese sergeant en één ziekenoppasser; b. van Padang: de heren Van Braam en Schultz, drie Europese onderofficieren en één Chinees.
III. passagiers der 3e klasse: a. van Atchin; 55 waaronder enige Europese militairen en 57 koelies van de leveranciers. b. van Padang: 19 Europese militairen, één Europees marinier en één Chinees.
IV. passagiers der 4e klasse: 36 personen.
Van de passagiers der 3e en 4e klasse werden gered 35 personen, en van de bemanning van het stoomschip 25 man, waaronder de gezagvoerder.
In een telegram van de Resident der Lampongse districten, van 23 juni, werd gemeld:
“Van het stoomschip is niets meer te bespeuren. De postpakketten zijn geheel verloren geraakt, terwijl van de zich aan boord bevindende personen, wier aantal op 300 wordt geschat, slechts ruim een zestigtal werd gered.”
Blijkens een later bericht echter van de Indiër zijn door de BARON BENTINCK in plaats van 60, honderd en zes personen van het verongelukte schip hier overgebracht.
Behalve de reeds genoemde geredden, die te Telok Betong waren aangekomen, bevonden zich de 23e twaalf personen op het eiland Salangka.
Nevens de Gouvernements stomer TJINRANA en de door de resident der Lampongs uitgezonden prauwen, is ter opsporing der schipbreukelingen ook Zr. Ms. stoomschip BROMO naar het toneel des onheils vertrokken.
De BROMO, die in last heeft de klip te zoeken waarop de schipbreuk heeft plaats gehad, was nog niet teruggekomen. Naar men verneemt, geschiedt dat onderzoek op zodanige wijze, dat door telkens twee sloepen kettingen onder water gesleept te worden, die wanneer men een klip passeert, daartegen stuiten.
De grote vraag – zegt het Algemeen Dagblad van Nederlandsch-Indië – is natuurlijk, of de klip, waarop het schip vergaan is, werkelijk onbekend was. Sommigen houden dit voor onmogelijk. Volgens anderen wordt echter de maritieme opname niet met zoveel nauwkeurigheid en spoed bijgehouden, dat het bestaan van een in de laatste tijd opgerezen koraalklip onbekend zou kunnen zijn. Bij de vele gelegenheid, die de kapitein heeft gehad om, te midden der vele eilanden, het punt waar zijn schip zich bevond voor de stranding waar te nemen, zal de kwestie van de klip ongetwijfeld uitgemaakt kunnen worden en daarmede het oordeel over de gezagvoerder mogelijk worden. Het publiek begrijpt zeer goed, dat de last om te bewijzen dat er zulk een onbekende klip was, op de gezagvoerder rust.
Naar men verneemt, zal er ten voordele van de passagiers en hun betrekkingen, die bij de ramp met de LUITENANT-GENERAAL KROESEN verliezen geleden hebben, een inzameling gehouden worden en is vanwege de stoomvaart-maatschappij bekend gemaakt, dat zij, indien er zich een commissie vormt, voor dat doel NLG 30.000,- beschikbaar houdt; afgescheiden natuurlijk van schadevergoedingen, die zij verplicht mocht zijn te betalen.
Men verneemt voorts, dat een gerechtelijk onderzoek in de zaak zal plaats hebben, en het niet, gelijk met de aanvaring van de KROONPRINS en de ATJEH, bij een particulier onderzoek vanwege de stoomvaart-maatschappij zal worden gelaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fredrikshaven, 30 juli. De bij Tversted gestrande schoener JELTINA is geheel uit elkaar geslagen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Swinemünde, 29 juli. Het schip WILHELMINA, kapt. Meijer, van Memel naar Bremen, is hier binnengelopen met gebroken zwaard.


04 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 2 augustus. Ofschoon de Koninklijke Fabriek De Schelde reeds lange tijd in exploitatie is, werd zij eerst heden officieel geopend verklaard door de kiellegging van Zr.Ms. stoomtransportschoener, in tegenwoordigheid van Z.K.H. Prins Hendrik.
Z.K.H. kwam ten 4½ uur van Middelburg hier aan en werd verwelkomd door de heren F. Wibaut en Jos. van Raalte. Onder luid hoera van de aanwezigen werd daarop de kiel vastgeslagen en ontrolde Z.K.H. de vlag, waarop de naam van het schip stond. Hierna voldeed de Prins aan de uitnodiging, om de fabriek in ogenschouw te nemen, vertoefde lange tijd in de machinezaal, waar allerlei machines van de nieuwste vinding tot bewerking van ijzer in de meest verschillende vormen aanwezig zijn, en bracht daarna een bezoek aan de smederij, de in aanbouw zijnde arbeiderswoningen en eindelijk aan de werken tot verbreding van de voormalige marinehaven. Een ontelbare menigte volgde de Prins hier op zijn schreden. Aan de woning van de heer Jos. van Raalte gekomen, werd de Prins een luide ovatie door de werklieden van de fabriek gebracht. Ten huize van genoemde heer werd de Prins door de directie een diner aangeboden, bestaande uit 36 couverts. De Prins is hedenavond half elf naar Middelburg vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 19 - 28 juni. Omtrent het vergaan van het stoomschip LUITENANT-GENERAAL KROESEN worden in de Indiër nog de volgende nadere bijzonderheden vermeld, ontleend aan de mededelingen van de gezagvoerder, kapt. Verloop.
Te 6 uur waren Poeloe Lagoedi (omm: Pulau Legundi) en de andere eilanden aan de ingang van de Lampong Baai (opm: pos: 05º40’ ZB 105º20’ OL) nog gepeild, welke opname te 7 uur herhaald werd. Men had toen Sasaran ONO van voren en met het op oog een westelijke stroming, die waarneembaar was, had de kapitein herhaaldelijk nog veiligheidshalve een weinig oostwaarts laten aanhouden, zodat het schip zich in de rechte koers bevond om bij de westelijke kust van Lagoendi langs te lopen, toen op eenmaal te 8 uur, het schip, dat toen een vaart van 8 Duitse mijlen liep, kort en hevig stootte op een rif. De kapitein bevond zich op dat ogenblik op de brug; de eerste stuurman had zich juist naar beneden aan tafel begeven, doch snelde onmiddellijk naar boven, waar hij het bevel tot dadelijk hard aan bakboord brengen van het roer hielp uitvoeren, welke maatregel, daar het schip onbeweeglijk bleek vast te zitten, niets meer uitwerkte. Het daarop gevolgd commando van met volle stoom achteruit te werken bleek, evenzeer vruchteloos. De beweging van de machine was machteloos om het schip uit zijn positie te brengen en een ogenblik later reeds kwam de eerste machinist Huijsdens rapporteren, dat het water in zodanige hoeveelheid de machinekamer binnenstroomde, dat de machine niet meer gebruikt kon worden.
Het schip zat onbeweeglijk vast op een klip, die in het middengedeelte een groot lek gestoten had. Er was dus geen tijd te verliezen om het zo spoedig mogelijk te verlaten.
Reeds werden er onder toezicht van de bijbehorende stuurlieden de boten losgemaakt en losgesneden. De 1e stuurman Schwanck bestuurde het neerlaten van een boot, waarin hij met de scheepspapieren en de postpakketten plaats moest nemen. Doch bij het neerlaten van deze boot, die het eerst gereed bleek te zullen zijn, was het opdringen zo sterk en trachtte zozeer ieder een plaats te veroveren, dat de voortakel brak, of ontijdig door onbevoegde hand losgesneden werd, de boot voorover neersloeg en de reeds daarin geplaatsten in zee vielen. De mail en de andere scheepspapieren gingen daarbij verloren.
De gezagvoerder begaf zich intussen naar de kajuit om aan de dames te zeggen, zich in allerijl gereed te maken om in de giek, die zich op het voorschip bevond en die men bezig was te water te laten, plaats te komen nemen. Maar pas was hij zelf weer op het voorschip, of daar ziet hij plotseling de achtermast overboord zijgen en tegelijk het gehele achterschip onder water verdwijnen. Het ergste was gebeurd. Het enkel door water ondersteunde achterschip, nog verzwaard door het binnengestroomde water, was afgebroken en met allen die daarop waren gezonken. Een ogenblik hoopte de gezagvoerder dat het voorschip nu stand zou houden op de klip, waarop het vastzat, maar pas is het achterschip afgebroken en gezonken, of het voorschip neigt over één kant en zinkt.
Op dit laatste ogenblik - er was niet meer dan een kwartier verlopen sedert de boot stootte - springt de gezagvoerder overboord, grijpt een stuk hout, vindt zich drijvend en zwemmende te midden van drenkelingen en stukken wrak, en wordt, na zich 21/2 uur half verbijsterd boven water gehouden en tegen woeste aanvallen van inlandse drenkelingen, die hem zijn stuk hout betwistten verdedigd te hebben, door een van de boten, waardoor zoeven ook de eerste machinist opgenomen was, gered. Op dat ogenblik was van het schip niets meer te zien.
De noodlottige afloop - zegt de Indiër - juist voor de 1e klasse passagiers is blijkbaar te wijten aan het voorbeeldeloos snel verloop van de schipbreuk. Het breken van het schip, het meest gevreesde resultaat van een stranding op rotsen of klippen, volgde hier 10 of 12 minuten na de eerste stoot. De grote boten moesten allereerst neergelaten en de nodige bevelen gegeven worden. Wat zou er van de dames en kinderen terechtgekomen zijn, indien zij zich al op het dek bevonden hadden te midden van de worsteling van meer dan 200 man, die elkander de toegang tot de boten betwistten. Voor de veiligheid van de 1e klasse passagiers kon de kapitein niet beter doen dan de giek los te laten maken, deze tegen de aandrang te beveiligen en tegen dat zij gereed kwam de 1e klasse passagiers roepen en gezamenlijk daarin plaatsen. Maar de ongelukkigen hadden geen tijd om de oproeping naar het voorschip te volgen; nauwelijks waren zij nog op het achterdek boven, of het gehele gedeelte van het schip waar zij waren, verzonk met één snelle beweging onder hen in de diepte.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De 31e juli is te Greenock te water gelaten het stoomschip GRAAF VAN BIJLANDT, gebouwd door de heren Caird & Co. voor rekening van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, bestemd voor de vaart in Nederlands Indië. Het is tevens zodanig ingericht dat het voor hospitaalschip gebruikt kan worden; al het benodigde daarvoor is er op aanwezig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fernambucq, 12 juli. Het Nederlandse schip GEERTINA is alhier bevracht met katoen naar Nerva.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius (per telegram van Aden, d.d. 2 aug.). Het Nederlandse schip ZUID-HOLLAND, kapt. Immerzeel, van Shields naar Soerabaija met steenkolen, is alhier lek binnengelopen. Na het lossen van de lading is het lek gevonden en behoeft het schip niet te dokken. Het onbeschadigde deel van de lading zal weer ingenomen worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Schipbreuk van de LUITENANT-GENERAAL KROESEN.
Omtrent de schipbreuk van de stoomboot LUITENANT-GENERAAL KROESEN deelt het Algemeen Dagblad van Nederlandsch Indië in zijn nummer van 30 juni het volgende mee:
Het diner was afgelopen. Alle kajuitspassagiers hadden zich naar boven begeven, behalve mevrouw Weghake, de heer Welters en de Madurese luitenant, die in hun hutten waren gegaan, en behalve de vier heren Pet, Roozenraat, Thieme en Boom, die juist begonnen waren een partijtje te maken, toen zich een schok deed gevoelen. De opmerking werd gemaakt, dat het zeker de schroef was die brak en op voorstel van de heer Pet kwam men overeen de kaarten even neer te leggen en naar boven te gaan kijken. Pas waren deze heren boven, of het schip begon van achteren over stuurboord over te hellen. Kapitein Thieme dadelijk ziende, dat er gevaar was, stelde terstond voor om mevr. Bosch met haar kinderen in de naaste boot langs het achterschip te zetten. Men liet geen ogenblik verloren gaan, doch door het hellen van het schip hing de boot in de davits een eindweegs van de verschansing af. Men nam het dochtertje en wierp het om zo te zeggen in de boot, daarna het oudste zoontje, daarop op dezelfde wijze met alle krachtsinspanning mevr. Bosch zelve; doch toen was de afstand tussen de boot en het boord zo groot geworden, dat men het jongste kind niet meer in de schuit kon krijgen. Op dat ogenblik kwam een tweede, veel heviger stoot, waardoor de personen op het dek tegen de daar aanwezige voorwerpen gesmakt werden en het achterschip geheel overzij ging, zodat de kajuit vol water liep. De heren Pet, Edeling en Boom liepen naar de hoge zijde van het schip en beproefden daar een bank los en overboord te werken. De heer Thieme was intussen bezig zich van zijn klederen te ontdoen. Gedurende al die tijd was noch van de manschappen, noch van de scheepsofficieren iemand op het achterdek geweest Doch op dat ogenblik kwam kapitein Verloop aan, riep: “Hij zinkt" en ging daarop terug naar zijn hut. De heer Pet, op enige afstand ziende, dat de kapitein iets was komen zeggen, vroeg aan majoor Boom: “Is alles reddeloos verloren?" — en het antwoord behoefde weldra niet meer gegeven te worden. Luitenant Ahn, zittende in een grote lange stoel, waarschijnlijk dit voor een goed drijfmiddel houdende, vroeg aan majoor Boom, of hij zwemmen kon, en toen deze kon antwoorden: “Als een rat," feliciteerde hij hem, zeggende: “Ik ben zo gelukkig niet, ik zal mij moeten laten verdrinken." In het volgend ogenblik ziet maj. Boom, over de verschansing aan de hoge bakboordzijde heen ziende, een sloep met zes man er in, onder welke een Europeeër langs zij van het schip. Zonder bedenken springt hij overboord, gevolgd door zijn inlandse bediende, aan wiens zorg mevr. Boom bij het vertrek van haar echtgenoot naar Atjeh, de veiligheid van zijn meester had aanbevolen. De majoor zwemt naar de sloep, tracht die te bereiken, waarop een van de matrozen — er waren slechts zes man in de sloep — een boom tegen het schip steekt, afhoudt, en onder het geroep van “dajong", de roeiers zich met de boot verwijderen. “Mijnheer!" roept maj. Boom de Europeaan in de boot toe, “Ik ben maj. Boom, denk om mijn vrouw en acht kinderen", doch vergeefs. Aldus afgewezen, greep maj. Boom, steeds vastgehouden door zijn bediende, een touw en half klimmende, half door de golven opgeworpen, bevond hij zich weldra weer op het schip, opklauterende tegen de zonnetent, terwijl het schip onder hem meer en meer wegzonk. De inlandse jongen liet zijn meester geen ogenblik los. Opeens komt een derde hevige schok, waarop onmiddellijk de grote ijzeren mast met donderend geraas omver sloeg in schuine richting naar achteren over de hut van de kapitein, in zijn val en die van het tuigage zeker 50 of 60 mensen verbrijzelende, wier akelige kreten het vreselijk geluid vermeerderde en ontzettender maakte. Het gehele achterschip liep nu in een oogwenk vol water en verdween, met allen die zich daarop bevonden, in de diepte. De majoor, door zijn jongen losgelaten, kwam al water trappende spoedig boven, ofschoon hij toch veel zeewater binnengekregen had, welk hij het geluk had weldra weer kwijt te raken. Bovenkomende stootte hij het hoofd tegen iets, en denkende dat het de kiel van een van de boten was, spande hij reeds alle krachten in om daaronder vandaan te komen, toen het voorwerp week en bleek een deur te zijn, waaruit het onderpaneel was weggeslagen. Met de linkerarm zich daaraan vasthakende, greep hij met de rechter een stuk hout, dat in zijn nabijheid kwam en zag rond. Van het schip was niets meer te bespeuren en in het eerst ook van de opvarenden niets, doch toen de beweging in het water begon te bedaren, ontmoette hij weldra ook op stukken hout en houten voorwerpen drijvende de kapitein Rosenraat, een Engelse machinist en een aantal inlandse matrozen. Slechts een half uur vermocht men bij elkaar te blijven, toen dreef majoor Boom met vier inlanders, onder welke een inlandse vrouw, van de anderen af. Eer het 12 uur 's nachts was, had hij deze ongelukkigen, die misschien minder gelukkig waren geweest in het vinden van een groot voorwerp om op te drijven, één voor één in de diepte zien verdwijnen. Na nog enige tijd alleen rondgedreven te hebben, gevoelde hij iets tegen zijn borst stoten en bemerkte hij weldra, dat dit een drijvende plank uit het dek was, hij wist die met met de benen te omklemmen, en had nu, behalve de beide steunsels onder zijn armen, ook een welkome steun onder het lijf, die hem de kracht in de armen spaarde. Tegen de morgen ontdekte majoor Boom op een afstand een klip, waarop zich zes mensen bevonden, die hij echter niet kon herkennen, ofschoon zij hem toewuifden. Bang zijnde voor de hevige branding op die klip, deed hij ook weinig moeite om daarheen te komen. Niet ver van daar bevond zich tegen en op een andere klip een weinig buiten de hevigste branding een persoon, geheel ongekleed; deze omstandigheid doet aan kapt. Thieme denken, die zich van zijn klederen ontdaan had. Maj. Boom kon over het vlakke water heen zich horen toeroepen: “Kom hier maj. Boom, dan zijn wij met zijn beiden", maar het was onmogelijk die klip te bereiken, daar hij integendeel verder afdreef. Die gehele dag, donderdag, ontmoette de schipbreukeling niemand meer. Hij dreef verscheidene eilanden op een afstand voorbij en moest zich ieder ogenblik het hoofd nat houden tegen de brandende zonnehitte. Van tijd tot tijd gelukte het hem eetbare voorwerpen op te vangen, bestaande in gedroogde aardappelen van het schip afkomstig. Telkens zag hij djeroeks drijven, doch het gelukte hem slechts een daarvan te bemachtigen. Was de vorige nacht kalm, helder en niet geheel donker geweest en snel voorbijgegaan, de nu aanbrekende nacht was geheel anders. Na zonsondergang stak er een zware bui uit het noordwesten op, met zware golfslag. De plank die de drijvende tot nog toe gesteund had, werd hem onder het lijf weggeslagen; en de lucht was vinnig koud, ook het water, waarschijnlijk doordien de schipbreukeling in een andere stroom terecht gekomen was. Die stroom bracht hem de Lampong-baai binnen, die gehele baai in een kring rond en tegen de morgen in de Padada Baai. Te 4 uur, toen de dikste duisternis wegtrok, hoorde maj. Boom een geluid van branding om zich heen, en omziende, zag hij iets wits achter zich en bespeurde hij dat hij naar land dreef. Weldra ziende, dat de branding hier niet tegen stenen, maar op een strand van leemgrond sloeg, spande hij hier al zijn krachten in om door een zwembeweging van de benen, die hij na het verlies van de plank weer vrij had, het land te bereiken en voelde spoedig daarna grond. Twee en drie keren op het strand geworpen en weer teruggespoeld, bleef hij eindelijk liggen zonder een lid te kunnen verroeren en wachtte hij het opkomen van de zon af. Toen de eerste zonnestralen hem een weinig verkwikten, ontdeed hij zich met de uiterste moeite van zijn uniformjas en pantalon; na enige rust ook van zijn schoenen en een deel zijner onderkleren, en begaf zich daarop op weg om iets verfrissends in het bos te vinden. Een papaja en wat blimbing waren al wat hij vond, maar een welkom gezicht was een jonge aanplant van pisangbomen als bewijs, dat er mensen in de nabijheid woonden. Dit gezicht gaf kracht om verder op te zoeken, en na een groot kwartier werd een alleenstaande vissershut gevonden, waar zekere hadji Akob tijdelijk verblijf hield. Iets anders dan rijst en vruchten was daar niet te krijgen, maar de ontvangst was aller liefderijkst; de geredde bleef er de gehele dag en de volgende nacht, van vrijdag op zaterdag door. De volgenden dag bracht zijn gastheer hem met zijn sampan naar Telok-Betong, waar hij zaterdag te half drie aankwam en door dr. Heesen en echtgenote allervriendelijkst verpleegd werd tot aan het vertrek van de BARON BENTINCK.
Het eerste bericht van de “vermoedelijke" redding van maj. Boom is waarlijk daaraan toe te schrijven, dat de majoor het langst van allen heeft rondgedreven en een van de personen, die voor hem aan wal kwamen, hem in zee drijvende gezien heeft. De bediende van de maj. Boom, die zijn meester tot op het laatste ogenblik had trachten te helpen en hem zelfs bij het wegzinken nog had toegeroepen: ”Denk aan mevrouw", dreef daarna op een uur op een stuk hout in het water rond, toen hij het kind van mevrouw Bosch zag drijven, dat volgens hem, zonder iets om op te drijven, gekleed in een hansop, zich door het spartelen met de handjes en voetjes vanzelf drijvende hield en enigen tijd te voren door de baboe, die in een boot gered is, was opgegeven. Na ongeveer 6 uren op die wijze te hebben rondgedreven, kwamen beiden onder het bereik van een schuitje, dat met matrozen van de boot was gevuld en waar ook reeds de baboe van mevr. Bosch in was opgenomen. Nadat de bediende van majoor Boom het kind aan de opvarenden had toegereikt, werd ook hij door de sloep opgenomen. De man nam het kind op de schoot en maakte, door het voorover met het hoofd naar beneden te houden, dat het zeewater, dat naar binnen was gegaan, werd uitgespuwd. Niets werd verder door de opvarenden van deze schuit gezien, dan ontelbare stukken hout enz., doch van mensen zag of hoorde men in de duisternis niets. Bij het klaren van de dag zag men gelukkig land en stuurde naar een plaats toe, waar men, hoewel de branding hevig was, beproefde te landen. Dit gelukte. Het bleek, dat men zich op een Poeloe-langer bevond. Men deed nu in de eerste plaats een poging om te zien of er ook mensen te vinden waren en om van hen te eten en te drinken te krijgen. Na een kleine mars kwamen zij aan de woning, waar zij de vrouw des huizes, wier man, een hadji, afwezig was, hun lot vertelden en om wat water en rijst vroegen, met de geruststellende of liever de meer doeltreffende dan geheel juiste mededeling, dat de “Compagnie" de onkosten wel zou vergoeden. Na wat rijst en water gebruikt te hebben, kregen zij ook een prauwtje van de vrouw te leen benevens 2 man, die nu (het was reeds 10 uur in de morgen) met de bediende van de heer Boom naar Telok-Betong trachtten te komen, waar zij dan ook te zes uur aankwamen. De sloep, waarin de kapitein Verloop en anderen waren, was reeds vóór hen gearriveerd, zodat het onheil reeds bekend was en er behalve de Gouvernementsstomer reeds vijf schuiten waren uitgezonden, om zo mogelijk nog anderen te redden. Volgens een bericht in de Indiër van 29 juni, bevonden zich aan boord van het verongelukte schip:
I. passagiers van de 1e klasse: a. van Atjeh majoor Boom; kapt. Thieme, Welters en Lublink Weddik, 1e luit. raden Djojo Poespito van de barisan van Pamskasan; b. van Padang: mevr. de weduwe Bosch en drie kinderen; mr. Weghake, de hoofdambtenaar Edeling, de 1e luit. der mariniers Ahn, en de agent van de Ned. Ind. Stoomvaart Maatschappij te Padang, Nagtglas Versteeg; c. van Benkoelen: de kapt. Rozenraad en mej. Leicester.
II. passagiers 2e klasse: a. van Atjeh: één Europese sergeant en één ziekenoppasser; b. van Padang: de heren van Braam en Schultz, drie Europese onderofficieren en één Chinees. III. passagiers van de 3e klasse: a. van Atjeh: 55, waaronder enige Europese militairen en 57 koelies van de leveranciers, b. van Padang: 19 Europese militairen, één Europese marinier en één Chinees.
IV. passagiers van de 4e klasse; 36 personen.
Van de passagiers van de 3e en 4e klasse werden gered 35 personen en van de bemanning van het stoomschip 25 man, waaronder de gezagvoerder. In een telegram van de Resident van de Lampongse districten, van 23 Juni, werd gemeld: “Van het stoomschip is niets meer te bespeuren. De postpakketten zijn geheel verloren geraakt, terwijl van de zich aan boord bevindende personen, wier aantal op 300 wordt geschat, slechts ruim een zestigtal werd gered."
Blijkens een later bericht echter, van de Indiër, zijn door de BARON BENTINCK, in plaats van 60, honderd en zes personen van het verongelukte schip hier overgebracht.
Behalve de reeds genoemde geredden, die te Telok-Betong waren aangekomen, bevonden zich de 23e twaalf personen op het eiland Salangka. Nevens de Gouvernementsstomer TJINRANA en de door de resident van de Lampong uitgezonden prauwen, is ter opsporing van de schipbreukelingen ook Zr.Ms. stoomschip BROMO naar het toneel des onheils vertrokken. De BROMO, die in last heeft de klip te zoeken, waarop de schipbreuk heeft plaats gehad, was nog niet teruggekomen. Naar men verneemt, geschiedt dat onderzoek op zodanige wijze, dat door telkens twee sloepen kettingen onder water gesleept worden, die, wanneer men een klip passeert, daartegen stuiten. De grote vraag - zegt het Alggemeen Dagblad — is natuurlijk of de klip, waarop het schip vergaan is, werkelijk onbekend was. Sommigen houden dit voor onmogelijk. Volgens anderen wordt echter de maritieme opname niet met zoveel nauwkeurigheid en spoed bijgehouden, dat het bestaan van een in de laatste tijd opgerezen koraalklip onbekend zou kunnen zijn. Bij de vele gelegenheid, die de kapitein heeft gehad om, te midden van de vele eilanden, het punt waar zijn schip zich bevond voor de stranding waar te nemen, zal de kwestie van de klip ongetwijfeld uitgemaakt kunnen worden en daarmede het oordeel over de gezagvoerder mogelijk worden. Het publiek begrijpt zeer goed, dat de last om te bewijzen dat er zulk een klip was, op de gezagvoerder rust. Naar men verneemt, zal er ten voordele van de passagiers en hun betrekkingen, die bij de ramp met de LUITENANT-GENERAAL KROESEN verliezen geleden hebben, een inzameling gehouden worden en is vanwege de Stoomvaartmaatschappij bekend gemaakt dat zij, indien er zich een commissie vormt, voor dat doel NLG 30.000 beschikbaar houdt; afgescheiden natuurlijk van schadevergoedingen, die zij verplicht mocht zijn te betalen. Men verneemt voorts, dat een gerechtelijk onderzoek in de zaak zal plaats hebben en het niet, gelijk met de aanvaring van de WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN en de ATJEH, bij een particulier onderzoek vanwege de Stoomvaartmaatschappij zal worden gelaten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Soerabaja, 23 juni. Hedenmorgen is het stoomschip BOGOR II van 30 paardenkrachten, bestemd voor de Gouvernements-Marine, aan het Marine etablissement alhier met goed gevolg te water gelaten.


05 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 augustus. Volgens rapport van kapt. Den Dunne, van de sleepboot NIEUWERSLUIS, is hedenmiddag te 1 uur een schoener op de Ooster gestrand, naam of natie onbekend, en te 2 uur omgevallen. De sleepboot kon niet in de nabijheid komen. Van de equipage was niets te zien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 4 augustus. Door de loodskotter No. 7 van Goeree is aangebracht de equipage van de Oostenrijkse schoener COLOMBO, kapt. Giromita, komende van Dedeagh, beladen met rogge, welk schip op de Ooster totaal is verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 juni. Vrachten. Er is sedert het laatste bericht geen verandering in onze markt te berichten. Wel kwam er meer vraag, doch waren de biedingen van exporteurs nog te laag om tot afdoeningen te geraken. Bij de inschrijving van de factorij op de 17e dezer werd opgenomen: CALIFORNIA tot NLG 64,95 voor een volle lading van de zuidkust naar Amsterdam. Na de inschrijving kwam de Factorij in de markt tot NLG 65 voor 260 last, doch moest zij dit cijfer spoedig tot NLG 67,50 verhogen, waartoe verscheidene schepen accepteerden en werd een bodem opgenomen voor een volle lading van Pangool en Patjitan tot NLG 72,50. Naar het Kanaal werd GBP 2.17/6 voor Engeland en GBP 3 voor het continent voor suiker geboden doch zonder afdoening. Naar Australië werd een schip opgenomen tot GBP 1.7/6 voor suiker naar Melbourne en biedt men thans hetzelfde cijfer, terwijl voor zaksuiker naar Adelaide GBP 1.5 te bedingen is. In tussenvrachten ging niets om. De laatste afdoeningen zijn: Naar Holland, de Nederlandse EMMA ligt aan à NLG 67½ factorij koffie naar Rotterdam; UTRECHT à NLG factorij koffie naar Middelburg; WIJK AAN ZEE en CORNELIA à NLG 67½ factorij koffie naar Amsterdam; CALIFORNIE à NLG 64,95 factorij koffie van de zuidkust naar Amsterdam; ELECTRA, NLG 72½ voor een volle lading van Pangool en Patjitan naar Amsterdam.
Onbevrachte schepen op Java: De Nederlandse MINA, HENDRIKA en LUITENANT- GENERAAL VAN SWIETEN.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 29 juli. Onze vrachtenmarkt verkeert nog in dezelfde toestand. Enkele zeilschepen bedongen naar Oost-Noorwegen 16 à 17 mark, Stavanger, Egersund en Bergen 18 mark, Delve (Eider-kanaal) 18 mark, Kiel en Flensburg 15 mark, ook slechts 14½ mark, Nakskov 15 mark, alles per 5.000 tolpond rogge; naar Nantes Sh.32/6, Kopenhagen Sh.18/-. beide per ton haver.


06 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 4 augustus. Gisteren namiddag heeft alhier in de haven een aanvaring plaats gehad tussen de stoomboot JASON van Amsterdam en de ROYAL DANE van Newcastle. De JASON bekwam daarbij belangrijke schade aan de brug, verschansingen enz. De ROYAL DANE heeft de reis naar Kopenhagen voortgezet.


07 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 6 augustus. Alhier wordt steeds rogge aangebracht uit de op de Ooster gestrande Oostenrijkse schoener COLUMBO, alsmede inventaris, scheepspapieren en instrumenten. Te Ouddorp werden 1.000 hectoliter rogge, zwaar door zeewater beschadigd, aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Tegen een zeer billijke prijs uit de hand te koop het Engelse, kopervast, sterk gebouwd barkschip CATHARINA, groot 865 Engelse tonnen, met deszelfs rondhouten, etc., zoals thans is liggende in Terneuzen; het heeft de laatste reis van Philadelphia aangebracht 5.800 vaten petroleum. Informatiën bij de heren Gebr. Polak te Vlissingen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Brouwershaven, 5 augustus. De sleepboot NIEUWESLUIS, de sloep van het loodswezen op sleeptouw hebbende, is gisterenavond bij de op de Ooster gestrande Oostenrijkse schoener COLOMBO geweest, doch er was niemand meer aan boord. Door hoogaarsen is enige beschadigde rogge uit genoemd schip alhier aangebracht.
- 12 u.50 m. Volgens rapport is de COLOMBO op de Ooster drijvende. De sleepboot NIEUWESLUIS vertrekt andermaal derwaarts, om te trachten het schip af te slepen. Enig touwwerk en rondhout is hier aangebracht.


08 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 juli. Het grote feit van de dag is nog steeds de schipbreuk van de LUITENANT-GENERAAL KROESEN. Het getal der geredden is, naar men verneemt, in alles 147 van de 265 personen. De oorzaken van het ongeval worden gerechtelijk onderzocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 augustus. Volgens bericht van de burgemeester van Wieringen, d.d. 6 dezer, is aldaar gestrand het Nederlands galjootschip JANSJEN, kapt. Niggebrugge, van Zwolle met beenderen naar Engeland bestemd.
(opm: komt weer af en verder in de vaart)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 3 juli. Zaterdag werden alhier aangebracht door kapt. Meyboom de geredden van de equipage van het schip de TWEE VRIENDEN, welk schip de 22e juni laatstleden bij Poeloe Laut op een onbekende klip is gelopen. Het schip en de lading bestaande uit 120 paarden, zijn verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 7 augustus. Het schip KOSMOPOLIET II, kapt. Walenstein, is heden van hier naar Noorwegen vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ouddorp, 7 augustus. Van de op de Ooster gestrande schoener COLOMBO zijn hier nog aangebracht 100 hectoliters rogge, zeilen, lopend want, mast, stuurrad, rondhout, ankers en kompassen, benevens nog enige losse goederen en een boot.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen op 7 augustus in De Brakke Grond te Amsterdam:
- Het brikschip ST. OLAF, 261 tonnen, NLG 7.000, opgehouden.
- 1/64 Aandeel in het Nederlandse barkschip JACOB ROGGEVEEN, NLG 290, in slag NLG 60, koper J.F.L. Meijjes.
- 1/32 Aandeel in het Nederlandse barkschip GEESIENA MARIA, NLG 250, in slag NLG 45, koper dezelfde
- 1/32 Aandeel in het Nederlandse barkschip HENRIËTTA, NLG 400. In slag NLG 8, koper A. Vinke.
- 1/16 Aandeel in het Nederlandse brikschip WILLEM JACOBUS, NLG 140, in slag NLG 10. D. Heydeman Jr.
- 5/64 Aandeel in het Nederlandse barkschip GEESIENA MARIA, NLG 1.075. In slag NLG 20, opgehouden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Brouwershaven, 6 augustus. Alhier wordt steeds rogge aangebracht uit de op de Ooster gestrande Oostenrijkse schoener COLUMBO, alsmede inventaris, scheepspapieren en instrumenten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Op de 4e augustus 1876, ten verzoeke van de heer Maarten Hillenius, gepensioneerd onderwijzer, wonende op Texel, heb ik Hendrik Post, deurwaarder bij de Arrondissementsrechtbank te Alkmaar, wonende Alkmaar, voor de tweede maal gedagvaard: Michiel Hillenius, laatst gewoond hebbende op Texel, doch thans afwezig, om op donderdag de 16e november 1876 des voormiddags te elf uren bij Procureur te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissementsrechtbank, in haar gewone vergaderzaal op het stadhuis te Alkmaar, ten einde:
- Aangezien de gedaagde, des eisers zoon, de 25e februari 1851 op Texel uit zijn huwelijk met nu wijlen Grietje Alta, zijn woonplaats Texel heeft verlaten en als matroos met het schip JEANNETA MARIANNE, gezagvoerder J.J. Versijl in december 1871 is uitgegaan; dat de laatste tijdingen van gedaagde zijn uit Lagos (Afrikaanse kust) van 30 mei 1872, van waar hij toen volgens zijn schrijven, van die dag, spoedig met voornoemd schip, bestemd naar Engeland zou vertrekken, dat er sedert geen tijding van hem is gekomen; en noch van hem noch van genoemd schip of equipage sedert iets is vernomen;
- Aangezien er alzo meer dan drie jaren zijn verlopen zonder dat bewijs is ingekomen van gedaagde’s aanwezen of overlijden, terwijl hij geen volmacht tot het waarnemen zijner zaken heeft gegeven of order op het beheer van dezelve heeft; gesteld;
- Aangezien er alzo rechtsvermoeden van het overlijden van gedaagde bestaat sedert 30 mei 1872, en eiser er belang bij heeft, dat dit wordt uitgesproken;
- Aangezien de gedaagde op de eerst gedane dagvaarding niet is verschenen, waarna aan requirant verlof is verleend tot het doen van deze tweede dagvaarding;
Mitsdien aan gemelde Rechtbank, hetzij in persoon, hetzij door iemand van zijnentwege, van zijn aanwezen te doen blijken.
D.F. van Leeuwen.
(opm: bekort, zie ook NRC 131172 en PGC 311272)


09 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 augustus. Het Nederlands schip ROELFINA CATHARINA, kapt. De Vries, zou volgens particulier bericht op 4 juli van Bonny naar Lagos vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 7 augustus. Enige schippers van hier zijn bezig de lading te bergen uit het onlangs bij de rode ton gestrande kofschip JANSJEN, kapt. Niggebrugge. Men vermoedt dat het schip vlot zal komen als de lading er uit is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 8 augustus. Het schip JANSJEN is heden door enkele schuiten van hier gelost en afgebracht, men is bezig het vaartuig in de haven van dit eiland binnen te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 8 augustus. De officier van justitie te Groningen verzoekt opsporing en bericht van E.K. Faber, gezagvoerder van het Nederlandse kofschip KORNELIS LAMBERTUS, wonende te Schiermonnikoog, D.R. Niezen, oud 42 jaar, stuurman op dat schip, wonende te Wildervank, en R. Karssen, oud 20 jaar, matroos op voornoemd schip, wonende te Groningen, welke personen moeten worden gehoord als getuigen in een strafzaak tegen H. Hoeksema, en van P. Kaper, oud 33 jaar, wonende te Groningen, gezagvoerder van het galjootschip WILHELMINA PETRONELLA, J. Douwes, oud 28 jaar, wonende te Sappemeer, stuurman, D. van Zanten, oud 21 jaar, wonende te Stroobos, lichtmatroos, en B. Pestman, oud 17 jaar, wonende te Groningen, kok, allen op evengenoemd galjootschip, die als getuigen in een strafzaak tegen P.J. Sielstra moeten worden gehoord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 8 augustus. Vraag naar scheepsruimte naar het buitenland komt in het geheel niet voor.


10 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De in het 3e kwartaal van het vorig jaar bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen te Amsterdam en bij de firma Christie, Nolet & De Kuyper te Delfshaven, in aanbouw gebrachte stoomkanonneerboten FRET, DAS, SPERWER en BEVER zijn dezer dagen opgeleverd. De Marine is nu in het bezit van 14 van deze vaartuigen. Van de 4, die op de begroting van dit jaar staan uitgetrokken, zullen, naar wij vernemen, de afmetingen zoveel groter worden genomen, dat zij geschikt zijn tot het voeren van kanonnen van 28 cm.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Kampen op dinsdag 25 juli: schoener galjootschip BARON SLOET TOT OLDHUIS, groot 120 ton, gebouwd in 1859, NLG 6.000. Koper: Prins te Zwartsluis.


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens bij de Vereeniging van Assuradeuren te Amsterdam ontvangen telegram uit Port Said had het stoomschip MADURA schade bekomen aan de lading door water en zou waarschijnlijk enig goed te Port Said verkocht moeten worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J. Fresemann Viëtor, notaris te Winschoten, zal op dinsdag 29e augustus 1876, om 7 uur, bij de logementhouder J. de Boer te Oude Pekela, publiek verkopen het Nederlands schoener-galjootschip CORNELIA JOHANNA, groot 163 ton, thans liggende te Vlaardingen, laatst bevaren door kapt. Van Klingen, in 1866 nieuw gebouwd, geclassificeerd bij Veritas in april 1875, te Rotterdam over 5 jaar met 3.3. A 1.1. Informaties te bekomen bij de boekhouder, de heer W.W. Pott te Oude Pekela, en bij de notaris, alwaar na de 12e dezer de inventarissen verkrijgbaar zijn.


  JB - Javabode

Verslag van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, aangeboden door directeuren aan aandeelhouders op de twaalfde algemene vergadering van bovengenoemde Maatschappij, gehouden ten kantore van die Maatschappij te Londen, op vrijdag de 9e juni 1876, 's middags te twaalf uur.
Het vervoer in de Indische Archipel bleef gedurende het jaar 1875 toenemen en het resultaat van de werkzaamheden van de Maatschappij kan als zeer bevredigend worden beschouwd.
Uit bijgaande rekeningen zal blijken dat, na betaling van alle onkosten en afschrijving voor depreciatie, zomede van het saldo van de stoomvaart contract-rekening ad. GBP 1.800, na overbrenging van GBP 10.000 op het reservefonds, waardoor dat fonds GBP 25.000 te voren staat, er een saldo overblijft van GBP 33.262.19/6, exclusief het interim dividend van 6 procent, in november laatstleden betaald.
De directeuren stellen voor hiervan een verder dividend uit te keren van 12 procent voor het halfjaar, eindigende 31 december laatstleden makende over het gehele jaar 18 procent uit.
Hiervoor zal benodigd zijn GBP 27.540, zodat een saldo van GBP 5.722.19/6 op nieuwe rekening zal worden overgebracht.
In het afgelopen jaar expedieerde de directie naar Java de stomers BROMO en GOUVERNEUR-GENERAAL LOUDON, de beide schepen van 1.200 ton ieder, waarvan melding werd gemaakt in het vorig verslag; beide zijn reeds in dienst. De kleine schepen MERAPI en KARANG, wier vertrek mede in het vorig verslag werd vermeld, kwamen behoorlijk te Batavia aan en doen goede diensten. Onlangs zond de directie twee andere kleine stomers uit, genaamd PATOEAH en OPHIR, speciaal met het doel om op de rivieren en oostkust van Sumatra dienst te doen.
In de stomer VICE-PRESIDENT PRINS zijn nieuwe machines gezet en is het schip geheel nagezien, terwijl in de BARON SLOET VAN DE BEELE, MINISTER FRANSEN VAN DE PUTTE en BARON BENTINCK nieuwe ketels werden geplaatst. Ook de BARON MACKAY heeft nieuwe ketels gekregen en zijn de machines in compound systeem veranderd. Verder zijn nieuwe ketels uitgezonden voor vijf andere stomers van de Maatschappij, die, naar gelang de schepen gemist kunnen worden, zullen worden ingezet.
Na lange tijd het voorrecht te hebben genoten verschoond te zijn gebleven van grote ongelukken, spijt het de directie nu melding te moeten maken van het verlies van twee van de schoonste en nieuwste schepen van de Maatschappij.
De WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, een stomer van 1.063 ton, uitgezonden in 1873, kwam in aanvaring met de stomer ATJEH, mede behorende aan de Maatschappij, in de nacht van 5 november laatstleden in de Java-Zee, en zonk zo goed als onmiddellijk.
De SALAK, een stomer van 1.134 ton, eerst in februari 1875 uitgezonden, stootte op het eiland Sendrongan op de westkust van Sumatra in een storm, in de nacht van 28 oktober laatstleden en ging eveneens totaal verloren. Beide schepen hadden een aantal passagiers aan boord. Maar bij de SALAK was geen verlies van mensenlevens te betreuren, terwijl bij de WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN twee Chinese passagiers en een inlands zeevarende ongelukkig verloren gingen. De Maatschappij was gedeeltelijk door een assurantiepolis gedekt en gedeeltelijk in zich zelf verzekerd.
Ten einde deze stomers te vervangen en rekening te houden met het toenemend verkeer, heeft de directie drie nieuwe schepen van ongeveer 1.200 ton ieder besteld, met machines van 200 paardenkracht, en hoopt zij de eerste in juli a.s. klaar zal zijn om zee te kiezen.
De stomer MINISTER VAN STAAT ROCHUSSEN, die niet meer voor de dienst van de Maatschappij geschikt werd geacht, werd in augustus jl. verkocht.
Overeenkomstig de statuten van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart-Maatschappij werd in een algemene vergadering, gehouden in Den Haag de 24e september laatstleden, besloten om het bestaan van de Maatschappij voor een tijdvak van 16 jaar te verlengen vanaf 1 januari 1876, en dit besluit is sedert door de Koning goedgekeurd, zoals zulks bij de Hollandse wet verlangd wordt.
Het nieuwe contract van de Maatschappij met het Gouvernement van Nederlandsch-Indië kwam in werking met de 1e januari laatstleden en enige dagen daarna ontving de hoofdagent van de Maatschappij uit 's Lands kas het overeengekomen voorschot van NLG 1.200.000, waarvoor negen van de stomers van de Maatschappij hypothecair aan het Gouvernement werden verbonden. De laatste betaling van het vroeger voorschot van NLG 1.000.000 had plaats gehad op 31 december en de terugbetaling van het nieuwe voorschot, waarvoor geen intrest wordt berekend, zal beginnen in 1879.
De militaire operaties te Atjeh bleven het gehele jaar voortduren en dikwijls is hulp van de Maatschappij ingeroepen voor de overvoer van zieken en transporten, boven en behalve de nu bestaande gewone dienst tussen Batavia en Atjeh.
Met het oog op de vermeerderde verplichtingen van de Maatschappij, vermeende de directie in december laatstleden gebruik te moeten maken van de algemene vergadering om machtiging te verlangen tot uitgifte van 10.000 nieuwe aandelen, indien eventueel de omstandigheden van de Maatschappij zulks raadzaam mochten maken.
Overeenkomstig de bestaande bepalingen treedt de heer James M. Hall af, doch, herkiesbaar zijnde, biedt hij zich daarvoor aan.
De auditeurs, de heren William Macnaughtan en Fred. Esse, treden eveneens af, doch bieden zich insgelijks weer als kandidaten aan.
's-Gravenhage, 2 juni 1876, Van Oosterzee, directeur.


11 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lyngoer, 3 augustus. Het schoenerschip VICTORIA, kapt. Hut, van Windau naar Harlingen met hout, is gisteren met gebroken fokkemast binnengelopen; het zal alhier van een nieuwe worden voorzien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlie, 9 augustus. Door kapt. D. Zeijlemaker, voerende het schip CATHARINA ELIZABETH, heden hier van Windau binnengekomen, zijn aangebracht drie schipbreukelingen der op Doggersbank overzeilde Engelse kotter JESSIE.


12 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 augustus. Uit Velsen vernemen wij, dat de mal van het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN morgenochtend ten 7 ure voor de tweede maal een proeftocht zal doen door het Noordzeekanaal. Er wordt ons verder verzekerd, dat er geen officiele datum bepaald is, wanneer het ramtorenschip naar Den Helder kan en zal vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Stoomvaart berichten. Het stoomschip MADURA, kapt. Berkelbach van der Sprenkel, van Nieuwediep naar Batavia, vertrok van Port Said 10 aug. ’s morgens. Alles wel aan boord. De ontlossing had zich beperkt tot ongeveer 100 ton beschadigde steenkolen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 10 augustus. Met de scheepvaart loopt het niet mee. De houtvloot had reeds sedert geruime tijd moeten binnen geweest zijn, doch tegenwind en slecht weer hebben de terugreis belet. Dientengevolge zijn de havens ledig en is er gebrek aan bedrijvigheid. Als de schepen binnenkort retourneren, zal het mooi zijn, als ze in dit jaar nog twee reizen doen.


13 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 12 augustus. Door de scheepsbouwmeester Arie Smit werd heden te water gelaten de schroefsleepstoomboot CONCURRENT 2, aangebouwd voor rekening van de rederij Smit & Co. te Rotterdam. De compound-machine ad 35 nominale paardenkracht wordt vervaardigd door de Koninklijke Maatschappij De Schelde te Vlissingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 12 augustus. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. v.d. Kuijl te water gelaten de ijzeren sleepschroefstoomboot HENDRIKA, voor rekening van de heren Blijdestijn & Baars te Dordrecht. De stoommachines worden vervaardigd in de fabriek van de heer B. Wilton te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 augustus. Het Nederlands schip WILHELMINA PETRONELLA, kapt. Koper, van Burnt Eiland (opm: Burntisland) naar Koningsbergen, is op zee gezonken. De bemanning is gered en te Oostende aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De 18e augustus 1876 zal ten 11 ure in de Schans te Maassluis publiek worden verkocht een partij scheepsafbraak, als rondhout, wrakhout, ijzerwerk als beugels, knieën, enz, eindketting, eindtouw, enz, alles afkomstig van gestrande schip LODEWIJK.
Informatiën bij Mr. L. Reeser te Maassluis.
(opm: zie NRC 100476, e.v.)


14 augustus 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude Pekela, 9 augustus. Van de werf van de heer W. Wortelboer is gisteren te water gelaten een nieuw gebouwd tjalkschip, groot 40 ton, genaamd de VROUW ANNETTE, gekocht en bevaren zullende worden door J. Küper te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 8 augustus. Scheepsvrachten. Gesloten werd naar Bordeaux 29 Ffrs. per last grenen, La Rochelle 35 Ffrs. per last eiken plankhout, Havre 32 Ffrs. per last eiken plankhout en boomstammen, Bayonne 33 Ffrs. per last grenen hout, alles met 15% gratificatie; Londen Sh.12/3 per load grenen, GBP 9 per mille staven, Grimsby Sh.12/3 per load eiken, Bristol Sh.18/- per load eiken, Sh.15/- per load grenen hout. Per stoomboot naar Amsterdam NLG 161/2 per last tarwe.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 5 augustus. Scheepsvrachten. In deze week kwamen de volgende vrachtafsluitingen tot stand: Naar Oost-Noorwegen tot 17 à 18 mark, naar Kiel, Flensburg en Eckernförde tot 14 mark, naar Rendsburg tot 15 mark, alles per 5.000 tolpond rogge; naar Colberg tot 101/2 mark per 4.520 tolpond rogge; naar Brest tot Sh.32/- per ton hennep; naar Strömsholm en Stockholm tot Sh.18/- per ton lompen in geperste balen; naar Oldersum tot 211/2 mark per kub. voet grenen delen. Er is nog gelegenheid voor schepen van ongeveer 100 last naar Nederland en de Wezer, voor kleine naar Kiel, alle voor houtladingen, zomede voor schepen van 800 à 1.000 Noorse tonnen naar Oost-Noorwegen voor graanlading. In stoombootvrachten gaat zeer weinig om.


15 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens een bij het Departement van Marine ontvangen bericht is Zr.Ms. schroefstoomschip ARUBA, onder bevel van de luitenant ter zee 1e klasse jhr. J.A. Röel, de 12e te Paramaribo aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 juli. Vrachten. De vraag is wel iets toegenomen, maar over het geheel nog niet belangrijk, daar er weinig zwaar goed ter verscheping wordt aangeboden. Enige Nederlandse schepen accepteerden 260 last koffie van de Factorij naar Nederland, maar is in Kanaal charters nog weinig te doen, daar gezagvoerders van schepen meestal hogere vrachtprijzen vragen dan afladers bereid zijn te betalen. Nederlandse schepen: UTRECHT naar Middelburg, WIJK AAN ZEE naar Amsterdam, CORNELIA, naar Amsterdam, EMMA naar Rotterdam, alle liggen aan, NLG 67,50 factorijkoffie; ELECTRA, naar Amsterdam, laadt factorijkoffie op de Zuidkust, vracht geheim; stoomschip KONING DER NEDERLANDEN, naar Nieuwediep, NLG 100 koffie, NLG 100 tabak, NLG 100 thee; PROFESSOR SIMON THOMAS, naar Rotterdam, condities geheim; NEREUS, naar idem, dito. Lossende en onbevrachte Nederlandse schepen: SALATIGA, LAURENS COSTER, MINA, JONGE JAN, STAD MIDDELBURG, JAN VAN HAAFTEN, BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAEL, HENDRIKA, MARIE, MAARTEN VAN ROSSEM en SAMARANG.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 13 augustus. Het aantal stoomschepen van de firma Krupp te Essen, die deze haven bezoeken om te laden of te lossen, neemt gaandeweg toe en zal eerlang nog een belangrijke vermeerdering ondergaan. Door het eindigen van de burgeroorlog in noordelijk Spanje is het mogelijk geworden, de ijzermijnen van genoemde fabrikant bij Orconera in exploitatie te brengen, en de daaruit voortkomende erts zal grotendeels over Vlissingen naar Duitsland worden vervoerd. Dit belooft voor het werkvolk hier ter stede een ruime verdienste voor de aanstaande winter. Bij het laden en lossen van schepen van genoemde firma wordt hier thans door de werkman 17 à 18 gulden per week verdiend. Dat deze ruime verdienste evenwel niet altijd op de ware prijs gesteld wordt, bleek dezer dagen, toen het werkvolk plotseling bij het laden van een van de schepen verhoging van loon vroeg. Men was verplicht toe te geven, omdat het vertrek van het stoomschip geen uitstel gedoogde. Hoewel de verdiensten van de sjouwerlieden die dag tot ongeveer vierde-halve gulden stegen, bestaat er gevaar dat zij zich hierdoor op den duur grote nadelen zullen berokkenen. Wij vernemen althans, dat de firma maatregelen beraamt om zich voor het vervolg tegen de willekeur van die arbeiders te vrijwaren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het in dit jaar te Quebec gebouwde, snel zeilend barkschip MADURA, geclassificeerd A.1. Lloyds voor 10 jaren; groot 970 register tons; heeft ijzeren masten en een grote laadruimte, kan ledig liggen en heeft de reis van Quebec naar Nieuwediep in drie-en-twintig dagen volbracht. Gegadigden adresseren zich franco, voor verdere informatiën ten kantore van de cargadoors Meijer & Co., Amsterdam en Nieuwediep.


16 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden overleed alhier mijn innig geliefde echtgenoot en onze beminde vader en behuwdvader, de heer Amerik Schaap, oud koopvaardijkapitein, broeder der Orde van de Nederlandse Leeuw, in de ouderdom van circa 80 jaar, na een gelukkige echtvereniging van ruim 53 jaar.
Katwijk aan Zee, 7 augustus 1876, E. Drost, Wed. A. Schaap, M.F. Schaap-Ipsen, L. Schoorel-Schaap, C. Schoorel, per. G. Jones-Schaap, P.R. Jones.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 augustus. Het ramschip KONING DER NEDERLANDEN wordt in de nacht van de 15e op de 16e dezer ten 3 ure door de Oosterdoksluizen naar het IJ verhaald. Het zal daar ankeren, enige behoeften innemen en donderdag de 17e dezer, des ochtends ten 7 ure, vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 augustus. Volgens brief van Soerabaja, d.d. 27 juni, was het Nederlands schip ANTOINETTE, kapt. Hoven, van Gorontalo aldaar aangekomen, om de geleden schade te herstellen. Tot dat einde zou het schip in het gouvernementsdok gaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 15 augustus. Door de duikers zijn heden 23 blokken tin alhier aangebracht uit het wrak van de THOMAS SORBY.


  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie. Op maandag de 21e augustus 1876 zullen de ondergetekenden, op last van de Britse consul, voor het pakhuis aan de Kleine Boom publiek verkopen het wrak van het Engels schip SOLENT, groot 732 tonnen, gebouwd te Cowes in 1857, liggende of niet liggende op Lepar eiland in Straat Gaspar, zomede de zich aan boord bevindende lading steenkolen, en verder de geredde inventaris, waaronder een boot, diverse zeilen, zeildoek, lopend tuig, kettingen, restant provisiën, etc.
John Pryce & Co.


17 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping om contant geld. De notaris Coert, residerende te Goedereede, is voornemens op maandag de 21e augustus 1876, des namiddags te 3 uur, ter plaatse waar na te melden goederen zich bevinden, in het openbaar te verkopen enige diverse strandgoederen, bestaande in enige zeilen en lappen, enig ijzer en lopend want, een anker, een boot, een mast, rondhout, enig schotwerk, wrakhout, een stuurrad, twee kompassen, een nachthuis, enige blokken, drie blikken bussen, gevuld met petroleum, een watervat, enig bladkoper, vijf schapenvellen, vijftien signaalvlaggen enz., alles afkomstig van de dezer dagen op de Ooster gestrande Oostenrijkse schoener COLOMBO, kapt. Geromita en liggende aan de haven te Ouddorp. Alles des morgens vóór de verkoop te bezichtigen.
Nadere onderrichting te bekomen bij de burgemeester strandvonder B.P. van Kerkwijk, te Ouddorp, alsmede ten kantore van voornoemde notaris.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 15 augustus. Van de werf, toebehorende aan de scheepsbouwmeester W. v.d. Wind, is heden met goed gevolg te water gelaten het sloepschip genaamd LUCTOR ET EMERGO, voor rekening van de heer J.C. Speelman te Pernis, zullende gevoerd worden door stuurman H. Noordzij, bestemd voor de kabeljauwvisserij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 juli. Vrachten. Gedurende de laatste 14 dagen werd de stemming in onze markt levendiger en hebben er verscheidene afdoeningen plaats gehad. Vrachtzoekende schepen, vooral onder Amerikaanse vlag, vallen dagelijks binnen. Lading voor Nederland wordt zeer weinig aangeboden. Het meeste is voor orders voor Het Kanaal bestemd. De factorij nam weer enige schepen op voor 260 last koffie tot NLG 67,50 à NLG 70. Voor suiker naar Nederland was niet hoger dan NLG 55 te bedingen, doch sloten een paar dagen geleden 2 schepen af tot NLG 62½. Naar het Kanaal hadden enige afdoeningen plaats tot GBP 3, doch werd later GBP 2.17.6 indien naar Engeland en GBP 3.2/6 à GBP 3.1 indien naar het continent geaccepteerd. Voor Australië bestond enige vraag en werd GBP 1.5/- naar Adelaide voor zaksuiker betaald en GBP 1.10/- voor suiker in kranjangs naar Melbourne geaccepteerd. Tot dezelfde koers blijft ruimte voor plm. 10.000 picols gevraagd. In tussenvrachten bleef het stil en zonder afdoeningen. Stoomboten laden tabak, koffie en thee tot NLG 90 à NLG 100. De laatste afdoeningen zijn, naar Holland: De Nederlandse NEREUS ligt aan NLG 70 voor factorij koffie van Tagal naar Rotterdam; PROFESSOR SIMON THOMAS ligt aan NLG 70 voor factorij koffie van Bantam en Batavia naar Rotterdam; MINA en SALATIGA liggen aan NLG 67½ voor factorij koffie, NLG 62½ voor suiker uit de Oosthoek naar Rotterdam; STAD MIDDELBURG ligt aan NLG 67,50 voor factorij koffie, NLG 60 voor suiker, NLG 47½ voor tabak naar Rotterdam; BARON VAN PALLANDT VAN ROZENDAEL ligt aan NLG 110 voor arak naar Rotterdam; stoomschip TORRINGTON ligt aan NLG 95 voor tabak en thee, NLG 100 à NLG 90 voor koffie naar Rotterdam.


18 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 16 augustus. Voor rekening van de heer J. Ruigeveld te Pernis, is heden alhier op de werf van de heer W. van der Windt de kiel gelegd voor een sloepschip, voor de beugvisserij bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velsen, 17 augustus. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN is hedenochtend te 8½ uur van Amsterdam vertrokken, gesleept door 3 stoomboten, één voor en aan weerszijden van het achterschip één.
Er woei een flinke bries uit het oosten. Langzaam en statig, hier en daar zeer langzaam, bewoog zich het gevaarte door het kanaal, gevolgd door de stoomboot DE ZUIDERZEE, aan boord waarvan zich verschillende belangstellenden bevonden.
Te 3 uur was het schip aan de brug van Velsen, waar zich een aanzienlijke menigte verzameld had. Door vele Hollandse en Engelse vlaggen, die van verschillende vaartuigen, stoomboten, baggerponten en gebouwen wapperden, had alles een feestelijk aanzien.
Het zal aan de Noordzeesluizen vastmeren en hoogstwaarschijnlijk zaterdag a.s. met springtij zee kiezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 3 juli. Het Nederlands-Indische schip de TWEE VRIENDEN (vroeger HENRIETTE ELISABETH SUSANNA), kapt. Meijboom, is 22 juni laatstleden, 12 mijlen beoosten Poeloe Laut op een onbekende rif gelopen en verbrijzeld; het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. Volgens een gisteren avond bij de rederij ontvangen berichtis het schip JEDO, kapt. Ligtermoet q.q., na een reis van 17 dagen de 7e juli van Bangkok te Hongkong aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 17 augustus. Het schip JANSJEN, kapt. Niggebrugge, dat hier in de vorige week lek werd binnengebracht, zal thans kielhalen om daarna op de werf gehaald en gerepareerd te worden. Hoewel het schip zwaar lek is, heeft het ogenschijnlijk weinig geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 20 juli. Het schip ZUID-HOLLAND, kapt. Immerzeel, van Newcastle naar Java met steenkolen, 26 juni lek alhier binnengelopen, had de 12e en 13e juni zware storm gehad van ZW tot NW omlopende, waarin het schip lek werd en 6 duim water per uur maakte, zodat men genoodzaakt was naar Mauritius te sturen. Een gedeelte van de lading is gelost en maakt het schip geen water meer, zodat men hoopt het in vlot water te kunnen repareren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Batavia, 12 juli. Zeer welkom was het bericht, dat de Nederlands-Indische marinestomer de BROMO de klip gevonden heeft, waarop de LUITENANT-GENERAAL KROESEN vergaan is. Die zal aan het gerechtelijk onderzoek een zekerheid geven, die niet genoeg gewaardeerd kan worden.
De commissie, toegevoegd aan de officier van justitie, tot onderzoek van de oorzaken van het vergaan van de LUITENANT-GENERAAL KROESEN, bestaat, naar men verneemt, uit de overste Scholten van Aschot, de inspecteur van het loodswezen Bouricius, de inspecteur van de stoomvaartdiensten Visser, de hoofdingenieur bij het vak van scheepsbouw Meihuizen, de hoofdingenieur bij het Marine-etablissement te Soerabaja De Graaf, de officier van de Marine Ehnle en de officier van de administratie Seelking, adviserend lid, tevens secretaris.
De Nederlandsch Indische Stoomvaart Maatschappij, aan welke de KROESEN toebehoorde, heeft een grote som voor de achtergebleven betrekkingen van de verongelukten disponibel gesteld en te Batavia heeft zich buitendien een commissie gevormd, waar de Resident aan het hoofd staat om insgelijks, tot dit doel, giften te verzamelen. Eerst moet men echter weten wie vermist wordt, en wie bedeeld dient te worden.
Buiten dit ongeluk wordt nog uit Soerabaja het vergaan van een schip (opm: de TWEE VRIENDEN) bericht dat 120 prachtige paarden aan boord had, vloog op de rede van Samarang een met petroleum, kruit en jenever geladen Chinese jonk (opm: de TJIN ENG HI) in de lucht en hebben wij nog een prahoe te betreuren, die ook met haar lading van petroleum verbrand is.


  AH - Algemeen Handelsblad

Batavia, 12 juli. Zaterdag 1 juli werden te Soerabaja aangebracht per BINTANG, kapt. Meyboom, de geredden van de equipage van het schip de TWEE VRIENDEN, welk schip op 22 juni jl. bij Poeloe Laut op een onbekende klip is gelopen. Het schip en de lading, bestaande uit 120 paarden, zijn verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude Pekela, 15 augustus. Van de werf van de heer J.W. Kuiper is gisteren te water gelaten het nieuw gebouwd schoener-brikschip HENRIKA, groot 200 ton, bevaren zullende worden door kapt. H. Wortelboer onder het boekhouderschap van de heer P.P. Kolk.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 15 augustus. Het kofschip ELISABETH, kapt. Th. Visser, van Wyborg naar Harlingen bestemd, is volgens hier ontvangen particulier bericht de 5e dezer wegens zware stormen in een der Noorse havens binnengelopen. Alles wel aan boord.


  JB - Javabode

Advertentie. Op dinsdag de 5e september 1876, des voormiddags ten 10 ure, zullen door de ondergetekende ten zijner kantore, gelegen aan de Groote Rivier te Soerabaia, ten overstaan van het Vendukantoor te Soerabaia, publiek worden verkocht:
- het Nederlands-Indisch schip NOEWAN ELJOESOER, hebbende drie masten, een dek en tussendek, een balkencampagne en volkslogies op bovendek, berekend te kunnen laden 295 lasten, met de gehele inventaris.
- het Nederlands-Indisch schip AL ALAWIE, hebbende drie masten en een dek, berekend te kunnen laden 122 lasten, met de gehele inventaris.
En zulks in de staat, waarin beide schepen en de inventaris zich thans bevinden ter rede van Grissee. Inmiddels uit de hand te koop.
Nadere inlichtingen zijn te bekomen bij de ondergetekende.
Snouck Hurgronje, notaris.
(opm: zie JB 090976)


19 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 17 augustus. Van het Nederlands galjootschip AMALIA SINNIGE, kapt. Ei, 16 mei van Bremerhaven naar Runcorn vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 17 augustus. De HENDRIKA MARGARETHA, kapt. Wiardi, 14 dezer van hier vertrokken met een lading hout voor Nederland, is gisteren op Domesness gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brixham, 17 augustus. De equipage van de FLYING SCUD, welk schip gepasseerde zondag (opm: 13 augustus) bij St. Albans Head door het schip VOORLICHTER, kapt. De Willigen, van Rotterdam naar Soerabaija, overzeild is geworden, is gepasseerde nacht alhier door de smak TOMMY DODD aan land gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 12 augustus. Scheepsvrachten. Sedert enige dagen zijn schepen, voor granen naar Noorwegen en voor hout naar Nederland en de Eems, meer gevraagd; ook naar Zweden kunnen een paar schepen geplaatst worden. Derhalve kan men aanraden om schepen van middelbare grootte naar hier te zenden. Een bijzondere levendigheid in bevrachting zal zich wel niet voor het midden van de volgende maand ontwikkelen. Men bewilligde deze week: Naar Oost-Noorwegen 18 mark, Drontheim 22 mark, Lübeck en Sleeswijk-Holstein 14 mark, alles per 5.000 ponden rogge; naar Colberg 9 mark per 4.520 ponden dito; naar Christiansand Sh.17/- per ton lompen; naar de oostkust van Schotland Sh.10/6 per ton beenderen; naar Stockton Sh.1/71/2 per 500 ponden tarwe.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 12 augustus. Scheepsvrachten. Gesloten is: naar Dieppe 61 Ffrs., Bayonne 85 Ffrs, Honfleur 64 Ffrs., alles met 5% gratificatie per Petersburger standaard planken; naar Gent 41 Bfrs. per last vlas; naar Perth Sh.47/6 per standaard planken; naar Christiansand 30 Noorse Schillings per Noorse ton rogge.


20 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 augustus. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN zal heden niet naar zee gaan. De opmetingen, die, gelijk het Nieuws van den Dag terecht opmerkt, nog gedaan moesten worden, zijn dus niet gunstig uitgevallen. Dat men tot op het laatste tijdstip peilingen moet doen, is wel een bewijs dat het zand tussen de hoofden zich dikwijls verplaatst, zodat daar op een diepe geul nog weinig staat is te maken, zoals reeds de 19e juli door ons is gemeld. Dat de tocht op donderdag ll., waarbij alle mogelijke voorzorgen waren in acht genomen, is volbracht, zonder dat het schip aan de grond is blijven zitten, is met het oog op het welslagen van de gehele onderneming nog een vrij mager resultaat.
De geul tussen de hoofden is de hoofdzaak en zolang men daar de werking van het zand niet kan beteugelen, is de zaak nog niet gezond. Maar ook het kanaal zelf laat nog veel te wensen over. Daar waar men de dijken in het water heeft gelegd, heeft het een flinke breedte, maar de geul is naar evenredigheid zeer smal, zodat een vaartuig dat slechts 3 voet diep treedt, wel 40 meter van de zuidelijke oever verwijderd moet blijven en dat wel over een lengte van een uur gaans. Voor laveren is er geen gelegenheid.
Volgens sommigen ware het werk binnen de sluizen reeds lang gereed geweest, indien het onder Nederlandse directie was uitgevoerd; de tarieven van de Engelsen o.a. werken zeer onregelmatig, zodat de werklieden dikwijls, wanneer ze slechts een halve dag gewerkt hebben, reeds genoeg naar hun zin verdiend hebben en dan tegen de dijk gaan liggen of, erger nog, zich bedrinken, terwijl het ook wel gebeurt dat het daggeld veel te schraal uitvalt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 augustus. Het barkschip HENRIËTTE SUSANNA, kapt. Van Heuvelen, van Sundsvall met hout naar Dordrecht bestemd, is gisteren bij het op de loods wachten en tegen gebrast liggende door stroomverleiding, in aanvaring gekomen met het vuurschip van Dragoë, waarbij de grote- en de marsra brak, doch het vuurschip geen schade bekwam. Het schip is naar de rede alhier gesleept.


21 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 augustus. De Nederlandse schoener REGNERA, kapt. Wortelboer, van Livorno met marmer en stukgoed naar St. Petersburg, is hier lek in de haven gekomen om te repareren.


22 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden ontving ik de voor mij en mijn kinderen treurige tijding, dat mijn geliefde oudste zoon, de heer Arnoldus Stellingwerff, gezagvoerder van het stoomschip OPHIR, van de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, op de 1e juli laatstleden, in de ouderdom van ruim 34 jaar, te Singapore is overleden.
Amsterdam, 16 augustus 1876, Wed. J. Stellingwerff-Melbert.


23 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 augustus. Aangaande het Nederlandse schip JANTINA, kapt. H.G. Boer, de 15e februari van Lowestoft naar Port Mahomack (opm: bij Inverness) vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triëst, 16 augustus. Scheepsvrachten. De eergisteren naar Rio de Janeiro vertrokken schoener COLUMBUS, kapt. Van der Wijk, is daarheen bevracht tot 45 schillings en 5%. Naar Fernambuck laadt de schoener ULRIKE, kapt. Bekkering, tot 47 schillings en 5%, terwijl de bark SURINAME, kapt. Schmidt, lading inneemt voor New York. Er is hier gebrek aan schepen. (opm: waarschijnlijk betreft het hier Oostenrijkse schillings)


24 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 augustus. Betreffende de overzeiling van het Engelse schoenerschip FLYING SCUD door het fregatschip VOORLICHTER, is door kapt. De Willigen aan de rederij het volgende gemeld:
De 13e augustus, kruisende op de hoogte van het eiland Wight, met een zeer flauwe westelijke koelte en dikke mist, kregen wij des avonds te 9 uur het groene licht van de voor de wind lopende schoener in het gezicht en vóór er enige verandering aan zeilen of roer kon plaats vinden, hadden wij genoemd schip in de midscheeps aangevaren, waardoor hetzelve onmiddellijk zonk. Het gelukte ons de equipage, bestaande uit 8 man, door het toewerpen van touwen enz. te redden en de 16e aan een vissloep af te geven, waarmede zij dezelfde dag te Brixham werden aan land gebracht. Daar de VOORLICHTER slechts weinig schade bekomen had en dicht was gebleven, besloot de scheepsraad eenparig de reis te vervolgen.


  AH - Algemeen Handelsblad

De vorige week overleed te Katwijk-aan-Zee, zijn geboorteplaats, op bijna 80-jarige leeftijd de oud-koopvaardijkapitein Amerik Schaap, broeder van de Orde van de Nederlandsche Leeuw. Vele oud-Indiërs zullen zich de naam van die achtenswaardige man nog herinneren. De overledene was een van de laatste overgeblevenen van de staf van de bekende gezagvoerders van de firma van Hoboken, die vóór een kwart eeuw en vroeger de voornaamste passagiers en families van Nederland en Java en vice versa overvoerde. Thans is die zeilvaart evenwel geheel door het stoomschip verdwenen. Kapitein Schaap behoorde nog tot die zeer beschaafde ervaren scheepskapiteins, welke op de lange zeereizen langs de Kaap als een vader aan het hoofd stonden van de passagiers en equipage, zo geheel verschillend van de positie van commandant van het tegenwoordige stoomschip. De hoogste staatspersonen stelden vaak hun terugreis uit, om met zodanig gezagvoerder die te mogen maken. De heer Schaap maakte vele jaren deel uit van de commissie tot examinatie van stuurlieden en was immer de vraagbaak van de mannen van zijn vak.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 21 augustus. De eis van de werklieden van de firma Krupp alhier, om hoger Ioon bij het laden van de schepen, is in de laatste dagen in verschillende bladen besproken en niet altijd juist voorgesteld, waarom wij er nog met een enkel woord op wensen terug te komen. Aan het expeditie kantoor van genoemde firma zijn een aantal vaste werklieden verbonden, terwijl een groot aantal sjouwerlieden daar van tijd tot tijd gebruikt worden bij het laden en lossen van de grote stoomschepen. Deze laatste arbeiders hebben dan uit de aard der zaak een hoog daggeld, doch maakten bij het laden van een van die schepen van de daarbij vereiste spoed gebruik om nog hoger loon te eisen. De afkeuring hierover uitgesproken, zowel om het onedele als onverstandige van deze handelwijze, is dan ook alleen toepasselijk op die tijdelijke werklieden en niet op het vaste werkvolk van die firma, die alle reden geven tot tevredenheid. Hieruit blijkt tevens dat het Vaderland (opm: een krant) niet juist was ingelicht, toen het meldde dat genoemd expeditiekantoor werkvolk uit Essen had ontboden; aan die arbeiders zou men toch geen vast werk kunnen geven. Men heeft nu eenvoudig besloten de sjouwerlieden, die als toen van de nood van de werkgevers gebruik maakten om hoger loon te bedingen, niet meer in dienst te nemen. Bovendien zal het merendeel van de schepen van Krupp, met ijzererts geladen, naar Rotterdam gezonden worden. Te gemakkelijker heeft men hiertoe kunnen besluiten, daar de stoomschepen van die fabrikant slechts met ¾ lading de haven van Bilbao kunnen verlaten en dus gemakkelijk de Nieuwe Waterweg kunnen binnenkomen, terwijl de vrachten naar de Rijn voor de lichters van Rotterdam lager zijn dan van Vlissingen. Ook hier is dus gebleken, dat onredelijke eisen om hoger loon de arbeiders slechts nadeel kunnen aanbrengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 21 augustus. In geen jaren is hier zo veel drukte met de scheepvaart geweest, als dit jaar. Het gebeurt meermalen, dat er op één dag van 5 tot 10 schepen aankomen en even zoveel vertrekken. Op ’t ogenblik ligt er een 30-tal schepen in de haven, deels met hout beladen, hetgeen hier nog al enige bedrijvigheid veroorzaakt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 20 augustus. Het schip HENRIETTE SUSANNA, kapt. Van den Heuvel, heeft heden zijn reis voortgezet na volbrachte reparatie.


25 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blijkens mededeling van de consul der Nederlanden te St. Thomas is op de 3e augustus 1876 de schoener MIDAS door de consul van Venezuela namens zijn regering aan de consul der Nederlanden overgegeven en heeft deze dat schip in de haven van St. Thomas voor de Nederlandse regering op haar last overgenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 augustus. Aangaande het schip TRIENTJE, kapt. Feddes, de 24e april uit het Vlie naar Stockholm vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.
(opm: waarschijnlijk buitenlander)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 23 augustus. Het Nederlands fregatschip KANAGAWA, kapt. Carst, van Rotterdam naar Soerabaja, is 22 dezer alhier met schade aan het roer binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfzijl, 21 augustus. In geen jaren is hier zoveel drukte met de scheepvaart geweest als dit jaar. Het gebeurt meermalen, dat er op één dag van 5 tot 10 schepen aankomen en even zoveel vertrekken. Op het ogenblik ligt een 3-tal schepen in de haven, deels met hout beladen, hetgeen hier nogal enige bedrijvigheid veroorzaakt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfzijl, 21 augustus. Het brikschip NIMROD, kapt. Geertsema, hier binnen, heeft de fokkemast gebroken en zal daarvan hier weder van een nieuwe voorzien worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Op de 18e augustus 1876, ten verzoeke van Elisabeth Margaretha Reinharda van der Horst, meerderjarig, ongehuwd, zonder beroep, wonende te Amsterdam en Cornelia Petronella van Duijnen, eerder weduwe van Martinus van der Horst, laatst weduwe H. Vrolijk, ten deze zonder beroep, wonende te Ouderkerk aan den Amstel, in kwaliteit van moeder en wettige voogdes over de minderjarige Johannes Martinus van der Horst, heb ik, Cornelis Petrus Manders, eerste deurwaarder bij het Gerechtshof te Amsterdam, wonende te Amsterdam, ten derden male gedagvaard Cornelis Nicolaas Martinus van der Horst, van beroep zeevarende, laatstelijk gewoond hebbende te Amsterdam, doch thans afwezig, om op dinsdag de 28e november 1876, des voormiddags te elf uur, te verschijnen ter openbare terechtzitting van de Arrondissementsrechtbank te Amsterdam, ten einde:
- Aangezien de gedaagde als tweede stuurman heeft behoord tot de bemanning van het Nederlands schoenerschip PIET HEIN, kapt. Jauke Cornelisz Visser;
- Aangezien gezegd schoenerschip, blijkens tijding de dato 13 augustus 1872 van Maracaibo naar het Engelse Kanaal is vertrokken en er sedert gezegde datum, noch van het schip, noch van de bemanning, enig bericht is ingekomen;
- Aangezien alzo, sedert de laatste tijding van het schip meer aan drie jaren verlopen en er mitsdien termen zijn om verklaring van rechtsvermoeden van overlijden van de gedaagde te vragen;
- Aangezien de eiseresse, sub I°. als zuster, alsmede de sub 2°. genoemde minderjarige, als halve broeder (opm: vermoedelijk zuster) van de gedaagde, enige vermoedelijke erfgenamen bij versterf, bij die verklaring van vermoedelijk overlijden belang hebben;
- Aangezien de gedaagde, ten gevolge van een, door voormelde rechtbank, bij beschikking van de acht-en-twintigste september 1876 verleend verlof, bij exploot van mij, deurwaarder, de dato drie-en-twintig oktober 1875 ten eerste male, en voorts uit krachte van een geregistreerd vonnis door gemelde rechtbank, Eerste Kamer, op de twee-en-twintigste februari 1876 gewezen, bij exploot van mij deurwaarder de dato achttien maart 1876, zijnde geregistreerd, ten tweede male is gedagvaard, laatstelijk om op dinsdag de zeven-en-twintigste juni 1876 voor gemelde rechtbank te verschijnen tot zodanig einde als daarbij breder is omschreven.
- Aangezien noch de gedaagde, noch iemand van zijnentwege, daarop is verschenen, ten gevolge waarvan aan de eiseressen, bij het vonnis in den hoofde dezes vermeld, is verleend akte van de niet verschijning van de gedaagde met verlof tot het doen van deze derde openbare dagvaarding op de voet en de wijze als bij het vroeger door de
rechtbank verleende verlof is omschreven.
Mitsdien aan gemelde rechtbank, hetzij in persoon, hetzij door iemand van zijnentwege, van zijn aanwezen te doen blijken.
Manders.
(opm: bekort; zie ook AH 260173 en NRC 120273)


26 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. Gisteravond omstreeks half elf uur kwam te Vlissingen ter rede het Belgisch stoomschip C.F. FUNCH, kapt. Knudsen, van New York, bestemd naar Antwerpen.
Omstreeks 7 uur op de hoogte van het lichtschip van de Wielingen ontdekte men brand in de lading, bestaande voor een groot gedeelte uit talk en spek en dewijl geen mogelijkheid bestond om de brand te blussen, werd het schip bij het kasteel van Rammekens aan de grond gezet en omstreeks twee uur, toen de vlam met grote hevigheid uit het ruim sloeg, verlaten. De sloepen en bemanning van het Nederlands en Belgisch loodswezen hebben bij dat onheil belangrijke diensten bewezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoutkamp, 25 augustus. Het Nederlands schip RIVAL, kapt. De Vries, van Dieppe met lijnkoeken naar Bandholm, is alhier lek binnengelopen en zeilt naar Groningen op om te lossen en te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een brikschip, groot 250 register-tonnen, gebouwd in 1849 te Prince Edwards Island (Noord-Amerika) en ladende 420 tons met 13 voet diepgang. Zeer geschikt voor de houtvaart. Nadere informatiën en inventaris te bekomen bij C. Roggenkamp E.Hzn. te Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 25 augsutsu. In bevrachtingen, zowel voor het binnen- als het buitenland gaat nog zeer weinig om en zijn de vrachtkoersen voor wat gedaan wordt zeer laag. Gedaan werd voor Londen of de Oostkust tegen Sh.11/- of voor de kolenhavens Sh.9/- per 10 quarters haver.


 CCR - Curaçaosche Courant

Advertentie. Curaçao, 23 augustus. In verband met de annonce, geplaatst in de Curaçaosche Courant van de 29e juli dezes jaars, wordt namens het Bestuur dezer Kolonie bekend gemaakt, dat de openbare verkoop van Zr.Ms. stoomschip KIJKDUIN, thans liggende aan de werf van de heer Jesurun, zal plaats hebben op maandag de 16e oktober 1876.
De Gouvernements-secretaris, W.B. Mellink.


27 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 26 augustus. Het stoomschip C.F. FUNCH is geheel uitgebrand. Slechts een klein gedeelte der lading en enig scheepsgoed zijn voor het uitslaan der vlammen nog geborgen kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 17 juli. Vrachten. Gedurende de laatste veertien dagen was de vraag naar scheepsruimte niet levendig en alleen 1e klas schepen van passende grootte konden GBP 3 naar het Kanaal voor orders bedingen. Enige Nederlandse schepen, vroeger gedeeltelijk door de Factorij bevracht, accepteerden van particulieren NLG 55 voor suiker naar Nederland. Op de 22e dezer zal door de Factorij een inschrijving gehouden worden voor het vervoeren van producten van Java naar Nederland, waarvoor de schepen op 1 augustus gereed moeten zijn. De particuliere afsluitingen voor Nederlandse schepen waren: MINA en SALATIGA beide naar Rotterdam, voor koffie NLG 67,50 en suiker NLG 62,50; STAD MIDDELBURG, idem voor koffie, NLG 67,50, suiker NLG 60 en tabak NLG 47,50; BARON VAN PALLAND VAN ROSENDAEL, idem, ligt aan, NLG 110 voor arak.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 25 augustus. Gisterenavond omstreeks half negen uur, ontlastte zich boven deze stad en omstreken een buitengewoon hevig onweer, bij noordelijke en noordwestelijke wind. Het oogverblindend licht van de bliksem duurde met korte tussenpozen van opvolgende buien, met onverminderde hevigheid, tot middernacht voort en werd onmiddellijk of slechts weinige seconden later door de felle donderslagen gevolgd. Er is een grote hoeveelheid regen gevallen, waarnaar sinds lang verlangend werd uitgezien. Omstreeks half tien kwam het Belgische stoomschip C.F. FUNCK, van New York, alhier ter rede; het gaf door het afsteken van vuurpijlen te kennen dat het in nood verkeerde. De lading, bestaande uit talk, olie, spek en stukgoederen, was in brand geraakt. Het gerucht ging gisterenavond dat het schip door de bliksem was getroffen. Dit blijkt evenwel onwaar te zijn; de brand is vermoedelijk ontstaan in enige vaten talk en olie, die in de nabijheid van de machinekamer waren geplaatst. Men was verplicht het schip beneden Rammekens op de wal te zetten. Alle pogingen tot blussen bleven vruchteloos, een sleepboot trachtte tevergeefs een gat in het schip te lopen om het water te doen binnenstromen, doch kreeg daarbij zelf zodanige averij, dat zij zich zo spoedig mogelijk aan de grond moest zetten om niet te zinken. De equipage werd ‘s nachts te 2 uur van het schip afgehaald en verpleegd door de goede zorgen van de heer Verbruggen, directeur van het Belgische loodswezen en van de luit. ter zee 1e klasse De Swart, commandant van het wachtschip, die beiden de gehele nacht in de hevige regen hun goede diensten verleenden. Enige goederen zijn door twee sleepboten en lichters geborgen. De lading van het ijzeren stoomschip staat thans (5 uur ‘s namiddags) nog in felle brand en zal door haar grote brandbaarheid waarschijnlijk nog geruime tijd een treffend schouwspel opleveren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Stoomvaart berichten. Het Nederlandse stoomschip KONING DER NEDERLANDEN, van Batavia naar Nieuwediep, arriveerde 26 augustus ‘s ochtends te Gibraltar met enige schade aan de machine, die met eigen middelen aan boord wordt gerepareerd. Het stoomschip zal daardoor enige dagen oponthoud hebben.


29 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Een drijvend droogdok, liggende aan de eilanden Amsterdam en Middelburg, nabij de rede van Batavia zal, naar met zekerheid kan verwacht worden, nog in de loop van dit jaar voor de scheepvaart worden opengesteld. Het heeft een lengte van 354 Engelse voeten, een wijdte van 100 Engelse voeten, is geschikt om schepen van 18 voet diepgang te dokken en heeft een draagvermogen van 4.000 Engelse tonnen. Het is van zodanige constructie dat ook schepen van meerdere lengte kunnen gedokt worden.
Op het eiland Amsterdam is en landhoofd of pier uitgebouwd tot op genoegzame diepte dat schepen met 25 voet diepgang daaraan kunnen lossen of laden. De ligplaats aan de pier is veilig, zowel in oost- als westmoesson. Pakhuizen tot opslag van goederen en steenkolen zijn in de onmiddellijke nabijheid van de pier op het eiland Amsterdam gebouwd.
Een snelle stoombarkas onderhoudt dagelijks de gemeenschap tussen de eilanden en Batavia.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 27 augustus. Men verneemt met genoegen, dat het grote scheepvaartkanaal in deze provincie (het Eemskanaal) de 18e september e.k., voor het algemeen gebruik zal worden opengesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 augustus. Het stoomschip KONING DER NEDERLANDEN, kapt. Bruyns, van Batavia naar Nieuwediep, zal blijkens nader bericht in het begin van de volgende week de reis van Gibraltar kunnen voortzetten, wanneer de reparatie aan de machine zal zijn afgelopen. Alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tromsoe, 26 augustus. Het Nederlands schip OOSTZEE, kapt. Van Dijk, van Archangel naar Delfshaven, is alhier in de nabijheid afgebrand. Van de lading en inventaris is iets gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rödby, 27 augustus. Het Nederlandse schip GEERDINA BERENDINA, kapt. Dijkstra, van Bremen naar Danzig, is bij Hyllekrog (opm: pos: 54º36’ NB 11º31’ OL) gestrand en wrak geworden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 28 augustus. Men schrijft ons uit Vlissingen:
De lading van het Belgische stoomschip C.F. FUNCH was zaterdag tot op het water uitgebrand. Zij bestond uit 2.630 vaten reuzel en talk, 6.912 balen graan, 285 balen tabak, 250 zakken cacao, 250 kisten reuzel, 30 vaten tabak, 6 kisten sigaren, 19 balen droge huiden, 8 kisten castoren hoeden, 1 kist koopmansgoederen , 7 kisten bladen tabak, 1 kist olie, 40 kisten vlees, 160 pakken tabak, 1 kist stalen veren, 8 vaten koopmansgoederen en 75 zakken koffie. Hiervan zijn aan wal gebracht ongeveer 100 balen graan en 75 zakken cacao. De equipage, bestaande uit 41 man, benevens 2 passagiers, is gisteren per sleepboot naar Antwerpen vervoerd. Het schip, een van de grootste stoomschepen van de vaart op Antwerpen, is bij verschillende maatschappijen verzekerd, de lading echter slechts gedeeltelijk, zodat, naar wij vernemen, door verscheidene Antwerpse kooplieden bij deze ramp belangrijke verliezen worden geleden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Groningen, 24 augustus. Naar wij vernemen, zal binnenkort een stoombootvaart tot stand komen, van Londen op Groningen, via Delfzijl. De onderneming gaat uit van een Engelse maatschappij. De eerste boot zal in het begin van de volgende maand in de haven van Delfzijl verwacht worden. (opm: spoedig gestaakt door de concurrentie van de Engelse schepen, die vanuit Harlingen op Engeland varen).


30 augustus 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 augustus. Vanwege de agenten der White Star Line alhier is ons verzocht te melden, dat het Belgische stoomschip C.F. FUNCH, waarvan in ons vorige nummer sprake was, niet aan die maatschappij behoort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velzen, 28 augustus. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN ligt nog steeds gemeerd bij de Noordzeesluizen; dit is een feit dat tot verschillende beschouwingen aanleiding geeft en druk wordt besproken. Misschien zal het dit voordeel opleveren, dat de ware staat van zaken tussen de zeehoofden van het kanaal in de bijzonderheden meer algemeen bekend wordt. De Kanaalmaatschappij, aannemers en anderen worden nu aan een uitmuntende controle onderworpen. De proef met de mal schijnt niet afdoende te zijn geweest, althans indien de bodem van de geul na die tijd geen belangrijke veranderingen heeft ondergaan; men diende tot het nemen van de proef wel ten volle bekend te zijn met de eigenaardigheden van de grond, meer dan van de daarmee belast geweest zijnde zeeofficier kan worden verwacht. De diepte is in de geul tussen de hoofden zeer ongelijkmatig, grotendeels ook daaraan toe te schrijven dat men er niet met de gewone baggermachines heeft gewerkt of kan werken; de zuigpompen toch maken alleen putten, dikwijls van 8 meter diepte en dan moet de omringende grond bijzakken en door de golfslag gelijkschuren; dit vormt ribben, waarover de mal waarschijnlijk is heen gegleden.
Wat er ook van zij, de positie van de commandant is zeer gewichtig en moeilijk. Hij alleen heeft een grote aandrang, waaronder die van machthebbenden, te weerstaan; hij vertrouwt alleen op peilingen door hem zelf verricht en gaat te rade met zijn zeemanschap en ondervinding gedurende een reeks van jaren in de dienst van den lande als bevelhebber opgedaan en ieder die de flinke zeeman kent, gevoelt dat hij zich niet aan overdreven voorzichtigheid zal schuldig maken.
Het schip is, sedert het in de duinen ligt, door honderden belangstellenden, onder welke verscheidene hoge autoriteiten bezocht geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 5 augustus. Zr.Ms. stoomschip KIJKDUIN, dat eerstdaags uit Suriname verwacht wordt, zal ter sloping worden verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 24 augustus. Het Nederlands schip KANAGAWA, kapt. Carst, van Rotterdam naar Soerabaja, alhier met gebroken roer binnengelopen, zal de schade kunnen herstellen zonder dat de lading behoeft verstuwd te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Port Elizabeth, 31 juli. Kapt. Graaf, voerende het schip NANNY van Padang naar New York bestemd en alhier binnengelopen, rapporteert bij Madagascar een orkaan doorgestaan en door een zware noordwestelijke storm bij Kaap Recife de kluiverboom met al het tuig verloren te hebben; de voorsteng was gebroken en de lading enigszins overgezeild. Het schip is onderzocht en zal onmiddellijk repareren, zonder dat de lading behoeft gelost te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 augustus. Het in Straat Gaspar gestrande schip SOLENT is geheel vol water en door de equipage verlaten, die hier aangekomen is. Het schip en lading zal zo als het daar ligt verkocht worden.


31 augustus 1876


  AH - Algemeen Handelsblad

Shields, 28 augustus. Door de sleepboot LITTLE JOHN, is gisteren alhier aangebracht de kapitein en vier man van de Nederlandse schoener JACOB, welk schip 12 mijlen van Tynemouth Castle in zinkende staat door het volk verlaten was.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 28 augustus. Het schip FORTUNA, kapt. P. Arkema, hier binnen, heeft de reis van hier naar Riga en terug in 35 dagen volbracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lemvig, 26 augustus. Het schip FANNY SERMES, kapt. Poel, van Riga met hout naar Harlingen, is hier gestrand en wrak geworden. Van de equipage zijn slechts enkelen gered. Vermoedelijk kan een gedeelte der lading geborgen worden.


01 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 augustus. Het bij de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Feijenoord in aanmaak zijnde schroefschip SAMARANG, dat de 8e juli laatstleden werd te water gelaten, is heden met gemeerd schip onder stoom beproefd. De werking van de hoofd- en hulpwerktuigen, alsook van de distilleerinrichtingen en de as-ejectors was uitmuntend.
Ook wordt binnen enige dagen op de werf aldaar de kiel gelegd voor een gelijksoortig vaartuig ten dienste van de Nederlandse Marine.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden, de 12e augustus 1876, heb ik Johan Coenraad Lach, deurwaarder bij de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, ten verzoeke van Maria Bargeus, wonende te Schiedam, huisvrouw van Gerrit van der Most, domicilie kiezende te Rotterdam, ten kantore van de procureur mr. W.S. van Reesema, aan de Wijnhaven No. 27, die voor haar in rechten zal occuperen, krachtens verlof van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, d.d. 15 mei laatstleden behoorlijk geregistreerd, voor de eerste maal gedagvaard Gerrit van der Most, gewoond hebbende te Schiedam, doch wiens tegenwoordige woon- of verblijfplaats is onbekend, om te verschijnen ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank te Rotterdam op maandag de 4e december 1876, des voormiddags te elf uur, ten einde in persoon of door iemand van zijnentwege van zijn aanwezen te doen blijken, zullende bij gebreke daarvan door de eiseres worden geconcludeerd:
- Aangezien de gedaagde op de 27e februari 1872 voor de koopvaardij is aangemonsterd als timmerman op het Nederlandse barkschip SAMHIRI, kapt. Cornelis van der Burg, bestemd naar Java via Sunderland.
- Aangezien dit schip in april 1872 van Lissabon is uitgezeild en na die tijd bij de rederij geen berichten omtrent genoemd schip of van de equipage zijn ingekomen.
- Aangezien het er alzo voor moet gehouden worden dat haar man vermoedelijk is overleden en de eiseres als echtgenote bevoegd is, te procederen tot de vermoedelijk overlijdensverklaring van haar echtgenoot, waartoe haar verlof is verleend bij dispositie van deze rechtbank d.d. 15 mei laatstleden behoorlijk geregistreerd.
Dat de rechtbank aan de eiseres zal verlenen akte van des gedaagden niet verschijning met verlof tot het doen van een tweede openbare dagvaarding en reserve van de uitspraak omtrent de kosten tot het eindvonnis.
J.C. Lach, deurwaarder.
(opm.: zie ook NRC 130472, AH 260173 en 120273)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 26 juli. Vrachten. Sedert de uitgifte van het laatste bericht was het in zaken over het algemeen stil, hoofdzakelijk wel ten gevolge van de ongunstige berichten omtrent de Europese toestand. Deze gedrukte stemming oefende natuurlijk ook haar invloed uit op onze vrachtenmarkt en er zijn bijna geen afdoeningen te vermelden. Houders van product zijn zeer geretireerd en wensen alleen tot lager dan tot de bedongen cijfers af te sluiten. De Factorij hield de 22e dezer de op 17 van deze aangekondigde inschrijving. Alle inschrijvers werden echter door de Factorij geweigerd. Onderhands wordt thans niet hoger dan NLG 70 voor 260 last koffie van de noordkust geboden; de factorij verklaarde niet om ruimte verlegen te zijn. Voor een volle lading koffie van Tjilatjap naar Amsterdam werd de THORBECKE opgenomen tot NLG 72½, te laden na afloop van de zoutvracht van Sumanap naar Tjilatjap. Suiker naar Nederland wordt zeer weinig aangeboden en alleen tot lage cijfers verkrijgbaar. Naar Het Kanaal is GBP 3 moeilijk te bedingen. Naar Australië werd GBP 1.7.6 voor suiker in kranjangs naar Sydney geaccepteerd. De laatste afdoeningen zijn: Naar Nederland, het Nederlands schip THORBECKE à NLG 72½ volle lading koffie van Tjilatjap naar Amsterdam.
Onbevrachte Nederlandse schepen op Java: Het Nederlands schip LOURENS COSTER, JONGE JAN, JAN VAN HAAFTEN, HENDRIKA, MARIE, LUIT, GENERAAL VAN SWIETEN, GEBROEDERS SMIT, NICOLAAS WITSEN, NOACH II, HENRIETTE ADRIANA, MAASNYMPH, INDIA PACKET, SAMARANG, MAARTEN VAN ROSSEM, ANTOINETTE, MERAPI, PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL en KITTY.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 26 augustus. Scheepsvrachten. Gesloten is naar Boulogne 46 c. per oude Amsterdamse voet Hollandse balken, en Ffrs.61 met 5% per standaard planken; naar Gent Bfrs. 41 per last vlas; naar Grangemouth Sh.15/- per load timmerhout, en naar Portsmouth Ffrs. 54 per standaard planken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 29 augustus. De tjalk TRIENTJE VELDKAMP, kapt. Koopman, van Steenwijk naar Meldorf, is weder terug en hier in de haven gekomen.


02 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 30 augustus. Het Nederlandse schip MARGARETHA ARENDINA, kapt. Van Noord, van Rodvig in ballast naar Nerva, is te Great Wrangle, Helgunda, gestrand en vol water gelopen, de equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 31 augustus. Onze nieuwe haven levert tegenwoordig een recht levendig gezicht op door de driemasters en kleinere vaartuigen, welke daar een ligplaats is aangewezen. Ook met de Pollen gaat het gestadig vooruit. Terwijl vroeger de schepen, die 38 decimeter diep gingen, nauwelijk over die ondiepte konden komen, is thans de CATHARINA CHRISTINA met 5 decimeter diepgang meer binnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lemvig, 27 augustus. Het schip FANNY SERMES, kapt. Poel, van Riga naar Harlingen, gerapporteerd als wrak, was gedurende de storm van de 23e dezer vol water gelopen, waarop men besloot het schip op strand te zetten, waar het dadelijk aan stukken sloeg. Drie man der equipage zijn verdronken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 september. In bevrachtingen gaat voortdurend nog weinig om. Deze week werd een enkel schip gecharterd tegen Sh.8/- voor de kolenhavens of Sh.11/- voor Yarmouth per 10 quarters haver, Engels gewicht.


  JB - Javabode

Soerabaija, 2 september. Gisteren is op het Marine-Etablissement alhier de kiel gelegd van een houten raderstoomschip van 30 paardekrachten, genaamd BOGOR IV, voor de Gouvernements Marine.


03 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 2 september. In de afgelopen nacht is over de Buitergronden gestormd en op de rug van Vliesloot gestrand het Nederlandse barkschip MERWEDE, kapt. Glimmenga, van Riga naar Dordrecht bestemd met een lading hout. Het schip zit gevaarlijk; men zal trachten de lading te bergen.
(opm: schip wordt afgebracht en verkocht; zie ook: NRC 040976, 160976, 031076, 101076, 241076 en 081176, alsmede PGC 131076 en AH 141076)

AH 030976
Amsterdam, 2 september. Het Nederlandse stoomschip STAD VLISSINGEN van de Stoomvaartmaatschappij Zeeland, kon wegens hevige storm en vele vaartuigen, donderdagavond jl. niet van de Pier te Queenborough vertrekken. Het vertrok vrijdagochtend 6 uur van daar en arriveerde des namiddags te 16.50 uur behouden te Vlissingen.

AH 030976
Amsterdam, 2 september. Het stoomschip KONING DER NEDERLANDEN, kapt. Bruijns, van Batavia naar Nieuwediep, vertrok na volbrachte reparatie aan de machine, 1 sept. 's namiddags van Gibraltar. Alles wel aan boord.


04 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 2 september. De lading van het gestrande Nederlandse barkschip MERWEDE, kapt. Glimmenga, wordt in kleine vaartuigen gelost. De inventaris is geborgen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 3 september. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN ligt nog altijd voor de sluizen. Maakte de commandant bezwaar om, kort na de proef met de mal, het schip zelf in zee te brengen, thans zal dit zeker in de eerstvolgende weken niet gebeuren. Door de jongste stormen is de geul buiten de sluizen door verzanding veel ondieper geworden, zodat de gelegenheid om uit te varen veel ongunstiger is, en men moet op kalm weer wachten om de geul op de gewenste diepte te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 1 september. De hier te huis behorende schoenerbrik de HOOP, kapt. A.W. Ouwehand, is de 31e augustus, des namiddgs te 15.30 uur, op de Elbe gearriveerd, komende van Santos, van waar het de 1e juli vertrok. De bemanning is welvarende.


05 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden de 25e augustus 1876, ten verzoeke van Cornelia Vethaak zonder beroep, wonende te Maassluis, echtgenote van na te noemen gerequireerde, heb ik, Johannes Cornelis van Baaren, deurwaarder bij de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, wonende te Vlaardingen, voor de eerste maal gedagvaard Pieter de Vos, schipper ter koopvaardij, vroeger wonende te Maassluis, doch wiens tegenwoordige woon- of verblijfplaats is onbekend, om te verschijnen op maandag de 8e januari 1876, des voormiddags te elf uur, ter rechtzitting van en voor de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, ten einde:
- Aangezien de eiseres op de 7e april 1852, te Maassluis met de gedaagde is gehuwd en aldaar het laatst met hem heeft gewoond;
- Aangezien de gedaagde als gezagvoerder op het Nederlandse brikschip HERMINA in het begin van de maand oktober 1868, met hetzelve van Maassluis is vertrokken, op avontuur naar Napels;
- Aangezien die bodem, na te Gothenburg te zijn beladen met spoorijzer en steenkolen bestemd voor Napels, op de 30e januari 1869 op de rede van Cardiff is aangezeild door het Engelse brikschip APPHIA, bij welk ongeluk de HERMINA onmiddellijk zonk, tengevolge waarvan de opvarenden, met uitzondering van de sedert overleden Bartholomeus van Doornen en Arie van der Chijs, zeeman wonende te Maassluis, in de golven hun leven verloren,
- Aangezien de eiseres dan ook nimmer meer iets van haar man, de gedaagde, waaruit van zijn leven kan blijken, heeft vernomen, zodat het als zeker kan worden aangenomen dat hij tot degenen behoorde, die bij de plaats gehad hebbende schipbreuk zijn omgekomen;
- Aangezien er in deze omstandigheden voor de eiseres alleszins termen bestaan en zij er ook belang bij heeft te procederen tot vermoedelijk overlijdensverklaring van de gedaagde en het verkrijgen van vergunning om een ander huwelijk aan te gaan;
- Aangezien de eiseres bij vonnis van genoemde rechtbank d.d. 5 juli laatstleden verlof is verleend om de gedaagde bij een eerste openbare dagvaarding, lopende op een termijn van drie maanden op te roepen.
Mitsdien op bovengemelde dag, uur en plaats te verschijnen, ten einde, hetzij door eigen persoon of door iemand van zijnentwege van zijn aanwezen te doen blijken.
Van Baaren, deurwaarder. (opm: bekort, zie ook NRC 030269, NRC 040269 en NRC 160269)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 1 september. Nu het droge dok alhier weer geheel is uitgemalen, kan men over de toestand oordelen. Een groot geluk is het al dadelijk, dat de bateau-porte geheel in orde schijnt te zijn en niet onderloops is; de tussenklep zal wel enige voorziening eisen, doch niet van overwegend belang. De oorzaak van het voortdurend inlopen van water schijnt te wezen een lek in de houten koker, die van het machinegebouw naar het achterdok loopt. Die koker zal door een ijzeren worden vervangen. Een nieuwe calamiteit echter is, dat de muur aan de zuidzijde van het voordok zozeer verzakt, dat hij zal moeten worden afgebroken om op een nieuwe fundering, goed beheid, opnieuw te worden opgetrokken. Deze verbetering, die op NLG 15.000 wordt geschat, zal nogal enige tijd vorderen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 2 september. In de vergadering van aandeelhouders in de stoomboot ZIERIKZEE, varende tussen deze plaats en Rotterdam, is besloten tot het aankopen en in dienst stellen van een nieuwe boot, die alleszins aan de eisen van de tijd zal moeten voldoen en met welke men zich voorstelt de reis van hier naar Rotterdam in vijf uur te kunnen afleggen. De tegenwoordige boot ZIERIKZEE is het oudste stoomschip dat in Nederland vaart, en muntte indertijd uit door solide bouw en goede deugden op het water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 2 september. Hedenochtend is hier binnengekomen het brikschip ANNA MARIA, kapt. Van Dijk, als bijlegger van Vlaardingen, in ballast naar Archangel bestemd; genoemd schip was op 64˚ NB door een hevige bui uit het O tot ONO met hoge zee belopen en had in een ogenblik 13 stuks zeilen verloren, benevens bramsteng, voormaststeng, ra's, kluiverboom en boegspriet en andere schade; het schip was echter dicht gebleven. Men had drie weken in de Noordzee gesukkeld met afwisselend buiig weer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 31 juli. De Nederlandse schepen SUCCES, kapt. Potjer, en GOEDHART, kapt. Sikkema, ziijn bevracht naar Patagones (Rio Negro) en terug op hier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 30 augustus. Scheepsvrachten. Gedaan werd onder andere naar Rotterdam tot NLG 17,25 per last van 80 cub.ft. planken, naar Grangemouth tot Sh.42/6 per standaard planken. Wegens groot gebrek aan ruimte voor de voorhanden houtladingen zijn de koersen hoger.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Openbare verkoping, ten overstaan van de notaris D.W. Stoop te Dordrecht, op zaterdag de 23e september 1876, 's voormiddags te 111/2 uur, in het koffiehuis Zahn, aan het Scheffersplein aldaar, van het sterk gebouwd en goed onderhouden tjalkschip genaamd HAËZER, groot volgens meetbrief 103 tonnen, met daarbij behorende inventaris, staand en lopend want, zeilen, ankers, ketting en verder toebehoren, thans liggende te Dordrecht in de Voorstraats- of Oude Haven, nabij de Mattensteiger. De verkoping zal geschieden bij veiling en afslag, in een zitting.


06 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 5 september. De loodsschipper Van Keulen rapporteert het volgende:
De 29e augustus, 's morgens te elf uur in peiling Vlie Zuid op 4 mijlen afstand zagen wij een schip om de noord, tonende een sjouw (opm: een natievlag met een knoop op halve lengte) van de gaffel. Te 12 uur gingen wij met een sloep aan boord en ontdekten dat het was het Noorse barkschip STILIGSHIRE, van Porsgrunn, geladen met planken, vol water en door de equipage verlaten. Door de hoge zee moesten wij het schip spoedig weder verlaten en nadat wij te half 3 de masten overboord hadden zien vallen, hebben wij het uit het oog verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 3 september. De Nederlandse schoener GEZIENA, kapt. Muller, van Charlestown naar Ahrensberg, is alhier met enige lekkage binnengekomen. De lading behoeft niet gelost te worden.
Leith, 4 september. Het schip is gekalfaat en zal spoedig de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 4 september. De Nederlandse schoener WILHELMINA, kapt. Meijer, van Ipswich met superfosfaat naar Bandholm bestemd, is op Laeso gestrand doch met assistentie vlot en hier in de haven gekomen. Een gedeelte van de lading is beschadigd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Neuzen, 4 september. De Russische bark ANNA OLGA, kapt. Schultz, is op de punt van de Westhavendijk aan de grond geraakt en zit zeer gevaarlijk; de masten zijn reeds gekapt om het schip recht te houden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 september. Voor scheepsruimte kwam heden enige vraag en werden enige schepen gecharterd voor Newcastle of Sunderland tegen Sh.9/- of Sh.15/- voor Londen of de Oostkust per 10 quarters haver, Engels gewicht.


07 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan een brief uit Aden, van de 1e luitenant E. de Man, betreffende de brand op het stoomschip MADURA, van de Maatschappij Nederland (opm: dit moet zijn Stoomvaart-Maatschappij Java, maar het schip voer in de dienst van de Maatschappij Nederland), op de 5e augustus II., ontlenen wij het volgende:
Ik was slapende op het dek, toen om 2 uur de gezagvoerder, de kapitein Berkelbach van den Sprenkel, die mij reeds verscheidene malen was gepasseerd in afwachting van de loop der gebeurtenissen, het noodzakelijk oordeelde mij te wekken en mededeling te doen van het grote gevaar, waarmede opvarenden, schip en lading bedreigd werden.
Hij verzocht mij met hem mede vooruit te gaan, mij van het ernstige van de brand te overtuigen mijnen invloed onder de verschrikte militairen te doen gelden, ten einde hulp te bieden waar zulks noodzakelijk was.
Onmiddellijk aan dat verzoek voldoende, vond ik daar reeds enkele manschappen, die door de verstikkende kolendamp bevangen waren, op het dek. Dadelijk vergezelde ik de gezagvoerder om de nog slapende manschappen tussendeks te wekken en de ziekenboeg te doen openen. De rook sloeg alle kanten uit de verschillende kokers en luiken, het logies van de manschappen was als het ware één ruimte, gevuld met stikstof, dat tot volledige asfyxiatie van de daar slapenden aanleiding moest geven, en daarbij gehuld in volledige duisternis.
De gezagvoerder verzocht mij de kapitein Van Marion te gaan wekken en gelastte verder de scheepsdokter en de administrateur, die reeds vroeger door hen gewekt waren, al de passagiers te waarschuwen zich te kleden en zich in geen geval van het achterdek te verwijderen. Onmiddellijk voldeed ik aan die uitnodiging, waarop de kapitein van Marion gekleed op het dek verscheen en de maatregelen, die de gezagvoerder in overleg met mij voorlopig getroffen had tot het stuiten van de brand, goedkeurde.
Ik kan u verzekeren, dat het was alsof men in een vulkaan zag, waaruit aan alle zijden de vlam opsteeg, waarbij de omringende ijzeren schotten wit gloeiend stonden en deels vloeiend uitzakten. En dit alles met een opvarend getal van 340 mensenlevens! Een niet vermakelijk vooruitzicht om met zo een zo groot getal mensen van allerlei natiën te moeten verbranden of verdrinken, daar wij nog ongeveer 25 mijlen (Duits) van het naaste land verwijderd waren.
In het aller gelukkigste geval stond ons een debarkement voor de deur, in een onbewoond oord van de mahomedaanse wereld, en wat zou daar ons lot zijn geweest? Het gevaar werd dreigender, niettegenstaande er een massa water op de bijna niet te bereiken vuurpoel werd uitgestort. Verschillende ketens waren gevormd om het water, dat deels van buiten boord, deels uit de pompen en uit zee werd aangevoerd, aan te reiken.
Het was in de aanvang geen gemakkelijke taak, om de door de schrik bevangen manschappen aan het werk te krijgen. Het is zonderling om waar te nemen, op hoeveel wijzen de angst zich uit. Enkelen waren zenuwachtig en vroegen ieder ogenblik naar de toestand; anderen, en de meesten, legden zich als met een soort van berusting weder op het dek te slapen; derden droegen al wat zij vangen en grijpen konden aan en vermeerderden daardoor de moeilijkheid om de orde te handhaven. Slecht door toespraak en voorbeeld waren zij tot de werkelijkheid terug te brengen en tot het lenen van handenhulp op te wekken.
Op dat ogenblik leerde ik meer dan ooit waarderen wat kalmte vermag; want na betrekkelijk korte tijd waren alle handen aan het werk en met de meeste inspanning werd onder een ondragelijke hitte vooral in de machinekamer en het kolenmagazijn gewekt. Alle pogingen tevergeefs. Het gevaar werd zo groot dat de kapitein, die inmiddels van koers veranderd was en recht op de Afrikaanse kust aanstoomde, met halve kracht, om de vaart te verminderen, de boten, zeven in getal, liet strijken en van levensmiddelen voorzien, en nu met full speed begon aan te jagen. Zo duurde het voort tot 10 uur. Op dat ogenblik meende de gezagvoerder aan debarkeren te moeten denken, en daar bij het schip verloren waande, desnoods schip en lading met volle kracht op het strand te moeten zetten.
Stel u voor met welke ontzaglijke moeilijkheden wij daar te kampen zouden gehad hebben, met 200 man ongewapende en weinig gedisciplineerde zogenaamde soldaten, benevens een drietal vrouwen en dito kinderen, van welke de meeste beneden de 10 jaren, op een dagmarsen afstand van een bewoonde plaats en op de Afrikaanse kust, blootgesteld aan vijandelijke aanvallen en strooptochten, en dat in de gloeiende hitte!
Gelukkig, ten slotte keerde de kans, werd enige hoop op redding verkregen. Ofschoon de rook nog steeds dik bleef, begon de uitslaande vlam te bedaren en werd het mogelijk de brandende kolen van beneden te naderen en te verwijderen.
De manschappen arbeidden ten halve lijve naakt in het drie voet hoog staande water, terwijl de andere helft van hun lichaam was blootgesteld aan een hitte van 150° F (opm: 65ºC). Het was dan ook niet mogelijk, dat werken langer dan een half uur vol te houden, hetgeen aanleiding gaf dat de detachements-commandant, in overleg met de gezaghebber, beval dat tegelijk gedurende een uur zou gewerkt worden door twee ploegen van elk 10 man, die elkaar om het halve uur zouden aflossen.
Dit scheen weldadig te werken en niettegenstaande dat werk de gehele nacht en dag werd voortgezet, bleven wij wel de brand meester, maar konden hem niet geheel blussen.
Het was nu evenwel mogelijk met het brandende schip langs de Afrikaanse kust voort te stomen, tot Port-Saïd werd bereikt, om daar de kolen uit het nog brandende kolenmagazijn te lossen, die door andere te vervangen, en alzo het schip door eigen kracht te behouden.
Nu weet ik wat brand op zee is!
Ik heb de gezagvoerder Berkelbach van den Sprenkel bewonderd, en mij die man ten voorbeeld gesteld. Door zijn kalmte, tegenwoordigheid van geest en juiste bevelen, door zijn voorbeeld en tegenwoordigheid zijn wij van een anders wisse dood gered en schip en lading behouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 17 augustus. Het Nederlandse schip JEANNETTE MARIANNE LOUISE, kapt. Jurrjens, van Menado, laatst van Batavia naar Amsterdam, heeft van 26 tot 29 Juni, op 33° ZB en van 28º30’ tot 23º OL zware stormen uit het NW doorstaan, waarin het schip op zijde geworpen werd, de boegspriet sprong, verschansingen wegsloegen en meerdere schade ontstond.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 4 september. Het Russische schip ANNA EN OLGA, van Riga met hout naar Gent bestemd, op de West-havendijk aan de grond geraakt, is afgesleept en zwaar lek in de haven van Terneuzen binnengebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

De brand op de MADURA.
Identiek bericht als in de NRC van 070976, echter met een P.S:
P.S. Op de 15e, het verjaarsfeest van onze geachte gezagvoerder, mochten wij het genoegen smaken hem een verrassing te bereiden als dank voor zijne kranige houding gedurende de brand. Onder een glas champagne en menige heildronk werden hem, namens de passagiers, aangeboden een nette likeurkelder en sigaren-standaard met bijvoeging van ons aller portretten in een smaakvol album als bewijs van waardering en hoogachting. Hij antwoordde - merkbaar getroffen - met enige welgekozen en hartelijke woorden om zijn dank te betuigen voor dit trouwens welverdiende blijk van hulde als herinnering aan die gevaarvolle dagen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 2 september. Volgens hier ontvangen particulier bericht lag het schip AURORA, kapt. A.A. Karssies, met nog een menigte andere schepen, waaronder 10 Nederlanders, te Emden te wachten op ballast. Wegens de hoge waterstand en het onstuimige weder konden de schippers op de Plaat niet terecht om ballast te bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 4 september. De schepen SINGAPORE, kapt. Borst, en ALBERDINA, kapt. Wolkammer, zijn de 30e augustus l.l. te Sundsvall aangekomen, hebbende beide een voorspoedige reis van 8 dagen van hier uit. Het eerste schip deed de afstand van hier naar Elseneur in 2½ etmaal.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 4 september. Het schip ALBERTHA RÖMELING, kapt. J. Wiersma, van Amsterdam naar Noorwegen bestemd, is heden hier op de rede geankerd wegens te weinig inhebbend ballast en ziekte van de stuurman J. Wichers.


08 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 7 september. Door de scheepsbouwmeester Arie Smit werd heden te water gelaten de schroefsleepboot CONCURRENT 3, aangebouwd voor rekening van de rederij Smit & Co. te Rotterdam. De compound-machine à 35 nominale paardekrachten wordt vervaardigd door de Koninklijke Maatschappij De Schelde te Vlissingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Frederikshaven, 4 september. De op Laesö aan de grond gezeten hebbende doch met assistentie weder af- en hier binnengebrachte Wildervankster schoener WILHELMINA, kapt. A.E. Meijer, is hier lek aan de grond gezet en moet de beschadigde lading lossen om te repareren. Een deel der lading is op Laesö geland.


09 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 7 september. Het stoomschip ECHO, hedenochtend van Rotterdam aangekomen, is alhier bij het binnenkomen van het South Dock tegen het hoofd gelopen en heeft daaraan lichte schade toegebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 7 september. Heden werd van de werf van de wed. C. Boele & Zonen met goed gevolg te water gelaten de schroefsleepstoomboot TRUIDA EN WILLIE, gebouwd voor rekening van de heren Thomassen & Coers te Nijmegen. De machines worden vervaardigd in de fabriek van de heren W. de Bruijn c.s. te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Het Nederlands schip CURAÇAO PACKET, kapt. Klein, van Amsterdam naar Curaçao, is 6 dezer in Torbay binnengelopen met verlies van zeilen, een gedeelte van de verschansing en watervaten; heeft veel stormweer doorgestaan. De kapitein dacht de reis te vervolgen na water ingenomen te hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Het stoomschip PRINS HENDRIK, kapt. Braat, van Nieuwediep naar Batavia, zal waarschijnlijk 9 september Southampton verlaten; een van de machinedelen moet verwisseld worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 7 september. Het stoomschip ONDINE (opm: van Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij), van Rotterdam naar Riga, heeft bij het verlaten van de rede alhier onklare machine gekregen en is teruggesleept om de schade te herstellen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stettin, 4 september. Scheepsvrachten. Behalve een aantal ladingen naar Groot-Brittannië, werd gedaan naar Schiedam tot NLG 14 per last eiken vierk. hout, naar Brugge tot NLG 16, naar Antwerpen tot Bfrs.311/2 en 15% per last stammen, naar Fécamp en St. Nazaire tot 30 Ffrs. en 15%, La Rochelle tot 35 Ffrs. en 15% per last eiken hout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen, 2 september. Scheepsvrachten. Doordien gedurende deze week vele schepen binnenkwamen, werd in het gebrek aan ruimte tamelijk goed voorzien. Bewilligd werd naar de stad Oldenburg 251/2 mark per 4.300 ponden, naar Oost-Noorwegen 22 à 23 mark, naar Kiel, Flensburg en Lübeck 17 à 18 mark, naar Gothenburg 21 mark, alles per 5.000 ponden, naar Demmin 141/2 mark per 4.520 ponden rogge; naar de Firth of Forth en kolenhavens Sh.1/9, de oostkust van Schotland Sh.2/-, de oostkust van Engeland Sh.2/3, het Engels Kanaal Sh.2/6, de westkust van Schotland Sh.2/8 alles per 500 Engelse ponden tarwe; naar Schiedam NLG 121/2 à NLG 13 per 80 kub. voet grenen delen; naar Delfzijl NLG 29 per tult ronde grenen balken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Memel, 1 september. Scheepsvrachten. In de loop van de vorige maand werden de volgende bevrachtingen gesloten: naar Suttonbridge Sh.14/3, Granton Sh.10/9, Newhaven Sh.17/-, Liverpool Sh.14/9, Waterford Sh.17/6, Belfast Sh.17/-, alles per load grenen balken; Sunderland en Alloa Sh.33/-, Dublin Sh.50/- per standaard grenen planken; naar Londen GBP.14.10 à 15, Grimsby GBP12 à 13.10, Hartlepool, Alloa en Leith GBP10.10 per mille fuststaven; Cappeln 16 mark, Hamburg 21 mark, Geestemünde 20 mark, Brake 21 mark, Bremen 22 mark, Varel 21,50 mark, Gouda NLG 14, Schiedam NLG 131/2 à 14, alles per last van 80 kub. voet Engelse maat, Harlingen NLG 11 à 111/2 per Nederlandse zeeton voor klaphout.


  JB - Javabode

Soerabaija, 5 september. Uitslag van de veiling op hedenmorgen der volgende schepen:
- AL ALAWIE NLG 4.200, koper Sech Oemar bin Achmat Basoewedan q.q. Said Hassan bin Abdul Rachman.
- NOEWAN ELJOESOER NLG 14.650, koper dezelfde.
(opm: zie JB 180876)


10 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 september. Naar wij vernemen, is aan de firma Christie, Nolet en De Kuyper, te Delfshaven, de vervaardiging opgedragen van 3 stoomkanonneerboten groot model, genaamd WODAN, THOR en FREYA, bestemd tot het voeren van achterlaadgeschut à 28 centimeter en ten dienste van de Koninklijke Nederlandsche Marine.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 september. De in aanbouw zijnde rammonitor LUIPAARD op de werf der Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord zal de 14e september a.s. te water gelaten worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lima, (per telegraaf, geen datum). Het barkschip PADANG (opm: mogelijk buitenlander), van Mexilliones met salpeter naar Europa, is lek gesprongen en gezonken. De equipage is te Callao aan land gekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Openbare verkoping, op dinsdag 26 september 1876, des voormiddags te half tien uren, en zo nodig de volgende dag, vóór en in het pakhuis London, aan de Buitenkalkhaven te Dordrecht, door S.J. Mak van Waay, ondernemer van publieke verkopingen, ten overstaan van de deurwaarder B. van Geluk Jr., van de zeer uitgebreide en complete inventaris van het fregatschip NEDERLAND, liggende in de Binnenkalkhaven te Dordrecht, bestaande in staand en lopend want, sloepen, boten, ankers, kettingen, trossen, zeilen, bootsmans-, konstabel-, koks-, kajuits-, stuurmans- en andere goederen, 1 kist met chirurgische instrumenten, 1 chronometer Howu 390, en wat meer ter verkoop zal worden aangeboden. Het te verkopene is in gemeld pakhuis te zien, op zondag 24 september van 10 tot 3 en op maandag 25 september van 9 tot 4 uur; terwijl de gedrukte notitie van af maandag 18 september op franco aanvraag is te bekomen ten kantore van genoemde deurwaarder, in de Vischstraat D 758 te Dordrecht. (opm: schip waarschijnlijk gesloopt)


11 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 5 september. De 2e dezer strandde alhier op Keskola Rif (opm: Nerva) het Nederlandse schip NERVA, kapt. N.H. Larsen; het schip is vol water en zal waarschijnlijk afgekeurd worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 7 september. Onze haven ligt zo vol schepen, dat niet alle daarin plaats kunnen vinden. Vele voor hier bestemde bodems moeten dientengevolge enige dagen op de rede wachten tot dat andere weder vertrokken zijn.


12 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het schroefstoomschip HET LOO, liggende te Willemsoord, zal met de 16e dezer als artillerie-instructieschip in dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Naar men verneemt zal Zr.Ms. stoomschip KIJKDUIN, dat thans zich in Suriname bevindt, aldaar gesloopt worden. Het stoomschip PRINSES MARIE wordt wachtschip in Suriname en het stoomschip VAN GALEN wachtschip op Curaçao.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 11 september. Heden werd op de werf van de heren J. & K. Smit alhier de kiel gelegd van een schroefstoomboot voor de heren L. Portheine & J. Bonenberg, bestemd voor de dienst tussen Deventer en Rotterdam, tot vervoer van goederen enz. De machine wordt vervaardigd in de fabriek van de heren Diepeveen, Lels en Smit, alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Het schip EMILIA, te Gioja voor Amsterdam ladende, is volgens telegram te Messina gestrand en vermoedelijk verloren. Een gedeelte der lading was aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikhaven 4 september. Het schip WILHELMINE, kapt. Meijer, van Ipswich naar Bandholm, alhier met assistentie binnengebracht, na op Laeso aan de grond gezeten te hebben, is zó zwaar lek, dat men het aan de grond heeft moeten zetten. De lading, die beschadigd is, zal gelost moeten worden. Een gedeelte daarvan is op Laeso geland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gerrit Jan Boelen, makelaar, zal als lasthebbende van zijn principalen, op woensdag 11 oktober 1876, des namiddags te half drie uur precies, te Amsterdam, in De Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noodbeek, in veiling brengen het Nederlands gebouwde ijzeren rader-stoomschip, genaamd NOORDZEE-KANAAL, gevoerd door kapt. P. Slagwater, volgens Nederlandse meetbrief lang 21,57 meter, breed 3,25 meter en hol 1,60 meter, en alzo gemeten op 69 tonnen. met deszelfs machine van 40 paarde-kracht, ketels en toebehoren, zoals het thans is liggende in het Oosterdok, voor de Bantammerstraat. Breder omschreven volgens inventaris op het biljet vermeld.
Nadere inlichtingen begerende, gelieve men zich te vervoegen bij bovengemelde makelaar.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een Nederlands extra snel zeilend kopervast en gekoperd fregatschip, 350 last, goed onderhouden en solide inventaris, voor alle vaart geschikt.
Te bevragen bij de makelaar Ed. C.A. Koli te Amsterdam.


13 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 9 september. Heden is van de werf van de wed. C. Boele & Zonen met goed gevolg te water gelaten de schroefsleepstoomboot MARY, gebouwd voor rekening van de schroefsleepstoombootrederij De Toekomst, gevestigd te Rotterdam; en daarna is de kiel gelegd voor een dito schroefsleepstoomboot voor rekening van dezelfde rederij. De machines voor beide schroefboten worden vervaardigd in de fabriek van de heren Burgerhout & Kraak, te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 12 september. Het schip DELIANE, kapt. Von Lindern, is heden van hier vertrokken op haar reis Rotterdam naar Nederlands-Indië. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 26 juli. Het Nederlands driemastschoenerschip VELOX, kapt. Mulder, van Taiwanfoo naar Shanghai bestemd, is alhier binnengelopen met verlies van beide ankers en kettingen, die men genoodzaakt was de 7e juli te Taiwanfoo bij zwaar stormweer te laten slippen. De 20e vertrok het schip weer, na van een en ander te zijn voorzien.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het Engelse barkschip LALLA ROOKH, 495 reg. ton, 750 tonnen, zwaar gewicht, A1½ in Amerikaanse Lloyds, gebouwd in 1864 in Monckton (New Brunswick)
Adres bij de cargadoors Wambersie & Zoon.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 september. Scheepsruimte voortdurend weinig gevraagd en dientengevolge in de vrachtkoersen weinig verandering. Even als vorige week werd gedaan tegen Sh.8/- voor Newcastle en Sunderland, Sh.11/- voor Hartlepool en Sh.14/- voor Londen of de Oostkust per 10 quarters haver, Engels gewicht.


14 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 12 september. Het Nederlands stoomschip TELEGRAAF IV, in de afgelopen nacht van hier naar Rotterdam vertrokken, is in de passage Frederick (opm: op de Schelde nabij Fort Lillo) door het Engelse stoomschip MINERVA aangevaren en gezonken. Equipage en passagiers zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 september. Blijkens nader ontvangen bericht had het te Gioja gestrande schip EMILIA nog slechts 45 fusten olie aan boord, die alle geborgen zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 september. Maandag avond (opm: 11 september) werd in het huis de Beurs in een buitengewone vergadering van aandeelhouders in de nieuw opgerichte Groninger-Rotterdammer Stoomboot-Maatschappij door het bestuur de mededeling gedaan, dat het gewenste maatschappelijk kapitaal, NLG 100.000, reeds is volgetekend en dat de koninklijke goedkeuring op de in de vorige vergadering vastgestelde statuten verleend en de concessie aangevraagd is. Verder is het bestuur gemachtigd tot het aankopen van twee stoomboten, een lichterschip en drie beurtschepen. De boten zullen de namen dragen van HUNZE I en HUNZE II. Het bestuur bestaat uit de heren J. Schilthuis U.Gzn, H. Huisinga, J.E. Scholten, H. Boelmans Kranenburg en Hk. Jansen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 11 september. Volgens hier ontvangen telegrafisch bericht, moet het schip DOEGJEN DIJK, kapt. P. Riepma, van hier naar Frederikstad bestemd, in de Noordzee zijn verongelukt, doch het volk gered.
(opm: zie ook PGC 250976)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 11 september. De schepen WEEA, kapt. E. Scherphuis, en GEERTRUIDA, kapt. B.G. Rasker, zijn laatstleden vrijdag in de haven met elkander in aanvaring gekomen, waardoor eerstgenoemde een gedeelte van de boegspriet verloor.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 11 september. Het schip ONCKO, kapt. F. Teerling, van Nerva naar Harlingen bestemd, hier aangekomen, zal, ter ontlossing van zijn lading hout, naar de bestemmingsplaats verzeilen, omdat men NLG 350 moest geven voor de verzending van de lading naar Harlingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 11 september. Het tjalkschip ANNA DOUMA, kapt. H.J. Slager, sedert april te Rügenwalde onder beslag gelegen hebbende, is de 2e dezer aldaar gerechtelijk verkocht, waarvan koper werd de heer J.D. Hoen te Hoogezand, die daarop beslag had doen leggen. Gemelde bodem zal thans worden bevaren door de daarop fungerende stuurman Postma, en zal van Rügenwalde naar Memel of Danzig verzeilen, ten einde vracht voor hier of Groningen te bekomen.


  JB - Javabode

Pamakassan, 7 september. Enige dagen geleden stootte het aan Z.H. de Panembahan van Sumanap toebehorend schip SIE SOPHIE, door de stroom medegesleept, op een in de nabijheid van Kangean gelegen klip en geraakte vervolgens in brand of werd door de bevolking van een der omliggende eilandjes in brand gestoken.


15 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 september. Heden namiddag is van de werf van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord te water gelaten de ram-monitor LUIPAARD, bestemd voor binnenlandse verdediging.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 19 augustus. Het afgeven namens de regering van Venezuela van de schoener MIDAS aan de Nederlandse consul op St. Thomas heeft hier veel genoegen gedaan. Men herinnert zich toch, dat de teruggave van gemeld vaartuig een der punten van geschil tussen Nederland en Venezuela was. Men hoopt dan ook, dat de gehele kwestie spoedig tot een regeling kome ten genoegen van beide partijen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 september. De in de Fredericks Passage ten gevolge van aanvaring gezonken stoomboot TELEGRAAF IV is vlot gekomen en zal, na onderzocht te zijn, naar Rotterdam vertrekken om gerepareerd te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 9 augustus. Vrachten. Gedurende de laatste 14 dagen was de stemming in onze markt vrij levendig en zijn verscheidene afdoeningen te vermelden. De aanvoeren van Gouvernementskoffie waren zo overvloedig, dat de Factorij, na te vergeefs aan de verschillende schepen 260 last tot NLG 70 te hebben aangeboden - welk cijfer de grotere onvoldoende voorkwam, daar de nodige bijlading zo goed als ontbrak - besloot schepen voor meer dan 260 last op te nemen. Zij bevrachtte daarop tot NLG 65 per last de NICOLAAS WITSEN voor een volle lading, NOACH II en KITTY ieder voor 15.000 picols, ANTOINETTE en UTRECHT ieder voor 12.000 picols. (De bevrachting van de UTRECHT, voor 260 last à NLG 67½, vermeld in het bericht van 28 juni, vervalt hierdoor). Na deze afdoeningen kreeg de MAARTEN VAN ROSSEM weer 260 last tot NLG 75. De Factorij schijnt echter nog verdere ruimte nodig te hebben, daar zij een inschrijving heeft aangekondigd tegen morgen, 10 dezer, waarvoor de schepen disponibel moeten zijn vóór of op 20 dezer. Suiker naar Nederland blijft zeer weinig aangeboden en, nadat tot NLG 60 was afgedaan, werd weer tot NLG 55 geaccepteerd. Naar Het Kanaal hadden verscheidene afdoeningen plaats tot GBP 3, doch is tot dit cijfer geen handig schip meer verkrijgbaar. Naar Amerika werd GBP 3 besteed voor suiker. Voor Australië werden twee schepen opgenomen tot GBP 1,10/- à GBP 1.11/-. In tussenvrachten werd niets gedaan. De laatste afdoeningen zijn: Naar Holland, De Nederlandse NOACH II, NLG 65 factorij koffie, van Tagal en Pekalongan naar Rotterdam; NICOLAAS WITSEN, NLG 65 volle lading factorij koffie, van Passaroean naar Amsterdam; KITTY, NLG 65 factorij koffie, van Passaroean naar Amsterdam; ANTOINETTE, NLG 65 factorij koffie, uit de Oosthoek naar Amsterdam; MAARTEN VAN ROSSEM, NLG 75 factorij koffie, NLG 55 suiker, van de kust naar Rotterdam; MAASNYMPH, NLG 70, NLG 55 suiker, van de kust naar Rotterdam; De Nederlandse schepen WIJK AAN ZEE en CORNELIA vullen op te Tjilatjap met koffie tot NLG 72½ en tabak tot NLG 60 en de Nederlandse BARON VAN PALLANDT VAN ROOSENDAAL accepteerde nog suiker tot NLG 57½ en arak tot NLG 125.


16 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping op Vlieland. Kapt. F. Glimmenga, gevoerd hebbende de Nederlandse bark MERWEDE, presenteert op maandag 25 september a.s., 's morgens 10 uur, in het dorp Vlieland, ten overstaan van een bevoegd beambte, publiek te verkopen de bijna complete geborgen inventaris van gemeld schip, als 35 zeilen, kettingen, ankers, trossen, staand en lopend touwwerk, marsschootkettingen, blokken, rondhouten, boten, seinlantarens, kompassen, chronometer, barometer, partij bladkoper, kokscommalie, watervaten, partij provisie, enz, alsmede het gekoperd en kopervaste barkschip MERWEDE, zoals het voor de sloot is zittende, en des avonds 6½ uur; plm. 13.000 vuren Riga planken, van verschillende lengte en dikte; 46 stuks Riga vuren balken, zoals een en ander bij de haven behoorlijk gekaveld is liggende.
Nadere informatiën zijn op franco aanvraag te bekomen ten kantore van de heer L. Zunderdorp te Vlieland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 september. Heden is alhier gearriveerd het kofschip ELISABETH CATHARINA, om de lading beenderen, door het schoenerschip JANSJEN, onlangs uitgelost, in te nemen en naar Aberdeen over te brengen. De JANSJEN ligt nog steeds op de werf, zonder dat er iets aangedaan wordt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 17 augustus. Het schip ZUID-HOLLAND, kapt. Immerzeel, van Newcastle naar Java, 26 juni laatstleden alhier lek aangekomen, heeft het grootste gedeelte van de lading steenkolen gelost. Verscheidene einden van de buitenhuid zijn vernieuwd. (Zie de berichten van 18 augustus in dit blad)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 september. Sedert de 12e dezer werden nog enige schepen gecharterd, doch zijn de vrachtkoersen voor Engeland gelijk gebleven aan die van de vorige marktdag.


17 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij akte, op de 15e september 1876 verleden voor de notaris N.J. Vonck te Streefkerk, is ontbonden de vennootschap, tot het uitoefenen van de scheepsbouw en wat daarmede is verwant, als grofsmederij, houthandel, verhuring van vaartuigen enz., aangegaan tussen de heren Jan van Duijvendijk en Teunis van Duijvendijk te Lekkerkerk, onder de firma J. & T. van Duijvendijk, zijnde met de liquidatie van de nog lopende zaken belast de vennoot Teunis van Duijvendijk, door wie de scheepsbouw enz. op eigen naam en privérekening zal worden voortgezet.
Waarvan deze bekendmaking geschiedt ter voldoening aan art. 31 van het Wetboek van Koophandel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 september. Het Nederlandse schip JOHANNA EN WILLEM, kapt. Houtkoper, is volgens telegrafisch bericht bevracht voor een reis van Java naar Sydney N.S.W.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 15 september. De gehele lading van het stoomschip TELEGRAAF IV, dat ten gevolge van aanvaring in de Frederiks passage gezonken is, werd geborgen en in lichters hier aangebracht. Het spek en de gezouten huiden zijn slechts ligt beschadigd en het overige gedeelte van de lading is in goede staat.


  AH - Algemeen Handelsblad

Omtrent de aanvaring op de Schelde wordt nog het volgende bericht:
De stoomboot TELEGRAAF IV, kapt. B. Engelen, dinsdag ll. ‘s nachts te 02.30 uur van Antwerpen vertrokken met passagiers en goederen, bestemd naar Rotterdam, werd op de hoogte van het fort Frederik Hendrik aangevaren door de Engelse stoomboot MINERVA, komende van Duinkerken en bestemd naar Antwerpen. De bakboordzijde van de stoomboot TELEGRAAF IV, de gehele kast en het wiel werden vernield en het schip onder de waterlijn ingedrukt, waardoor machinekamer en achterlaadruim onmiddellijk vol water liepen De boot werd zo hoog mogelijk op strand gezet en men hoopt de boot te behouden. Persoonlijke ongelukken hebben niet plaats gehad; de passagiers zijn met de stoomboot MINERVA naar Antwerpen teruggekeerd, terwijl het grootste gedeelte van de lading droog wordt overgeladen in lichters en naar Antwerpen vervoerd. Door de autoriteiten is een onderzoek ingesteld naar de oorzaken van de aanvaring.


18 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 16 september. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester M. v.d. Kuijl te water gelaten de ijzeren schroefsleepstoomboot HENDRIKA WILHELMINA, voor rekening van de heer A. Bos te Alblasserdam. De stoommachines worden vervaardigd in de fabriek van de heer B. Wilton, te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 16 september. De nieuwe haven alhier, de Oosterhaven aan de mond van het nieuw groot scheepvaartkanaal (opm: Eemskanaal), die gisteren te gebruiken is opengesteld, vertoont reeds dadelijk levendigheid. Over Delfzijl zijn daar aangekomen de drie stoomkanonneerboten DOG, GIER en BRAK, benevens 7 andere flinke zeilschepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 september. Men meldt ons uit Antwerpen, dat de door de rechtbank benoemde experts gisterenavond aan boord van de stoomboot TELEGRAAF IV besloten hebben die bodem naar Antwerpen te doen slepen, ten einde aldaar opnieuw de expertise pro en contra plaats te doen hebben. Het Engelse stoomschip MINERVA heeft Bfrs. 75.000 borg gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helgoland, 14 september. Een naambord van circa 3½ voet lang, waarop in gele letters op een groen veld het woord Appingedam, is alhier aangedreven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pillau, 11 september. De schoener JOHANNA WILKEN (mogelijk buitenlander), geladen met planken, is te Riserort gestrand. De equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Texel, 15 september. Heden is alhier gearriveerd het kofschip ELISABETH CATHARINA om de lading beenderen, door het schoenerschip JANSJEN onlangs uitgelost, in te nemen en naar Aberdeen over te brengen. De JANSJEN ligt nog steeds op de werf, zonder dat er iets aan gedaan wordt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Texel, 15 september. Het schip ANNA MARIA, kapt. Van Dijk, van Vlaardingen naar Archangel, als bijlegger hier binnen geweest, is na reparatie door de sleepboot ZEELAND in zee gesleept.


19 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Het stoomschip SAMARANG, dat aan de fabriek van de Nederlandsche Stoombootmaatschappij te Feyenoord ter indienststelling wordt gereed gemaakt, is het eerste van drie schroefstoomschepen van de 4e klasse, die volgens een nieuw stelsel voor onze Marine worden gebouwd.
Het fraaie vaartuig bestaat uit ijzeren binnenbouw en huid en teakhouten buitenhuid, met zink bekleed. De buitenhuid is 0,06 en 0,0695 m. dik en is op de ijzeren huid vastgehecht door een groot getal platkoppige ijzeren bouten, dik 16 millimeter, welke met fijne draad in het ijzer worden getapt en bovendien is er van binnen een moer opgeschroefd, waaronder een hennepring en dikke verf tegen het lekken. De kiel steekt maar even buiten de romp uit, de teakhouten bekleding loopt onder de ijzeren kielplaten door. Het gemis van een kiel wordt verholpen door twee brede kimkielen. De lengte van het schip tussen de loodlijnen is 45 m., de grootste wijdte 9 m., holte 3,8 m., diepgang p.m. 3,6 m. De stoomwerktuigen zijn van hoge drukking met veranderlijke expansie en condensatie, hebben twee horizontaal geplaatste cylinders en ontwikkelen 350 indicateur paardenkrachten. Het dek achteruit is overdekt. De wapening bestaat uit een achterlader van 15 cm. en 3 dito van 12 cm.
Het tuig is dat van een 3-mastschoener (de vorige schroefstoomschepen van deze klasse hadden een barktuig) en het schip heeft geen rusten, zijnde het want binnen de verschansing bevestigd.
De SAMARANG wordt geheel uitgerust te Rotterdam en zal van daar rechtstreeks naar Oost-Indië vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 september. Het Nederlandse schip GESINA SMIT, kapt. Stenger, van Nerva met hout naar Harlingen, is volgens telegram van Fredrikshaven met verlies van masten, ankers, kettingen en deklast en vol water, aldaar binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, geen datum. Heden voormiddag ten 10 ure is het barkschip HOLLANDER, kapt. Eb, liggende in de Westerhaven alhier, tijdens men met inladen bezig was, naar de walkant op zijde gevallen. Persoonlijke ongevallen hebben daarbij niet plaats gehad, en een paar uren later was het schip weder opgericht.


20 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons uit Nieuwediep, dat de Engelse eigenaren van het hier gestrande stoomschip KÖNIG WILHELM dezer dagen nog een paar maal duikers bij het schip hebben gehad om naar de toestand te onderzoeken. De uitslag van dat onderzoek is echter hoogst ontmoedigend geweest. Het schip ligt reeds voor een gedeelte uit elkander en grotendeels onder het zand. Voorgoed hebben zij nu van verdere plannen om het af te brengen afgezien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 september. Het schoenerschip JOHANNA, kapt. Vaalman, van Bordeaux naar St. Petersburg, en het schip PRECIOSA zijn met elkander in aanvaring geweest. Eerstgenoemd schip is zwaar beschadigd en met ingestoten boeg alhier aangekomen. Men is nu bezig een gedeelte der lading te lossen om te kunnen repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 13 september. Het schip KANAGAWA, kapt. Carst, heeft 12 dezer, na volbrachte reparatie, de reis naar Soerabaja voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping. P. Dregmans, deurwaarder te Terneuzen, zal op woensdag 4 oktober 1876, des voormiddags te 10 uur, in het Nederlands logement bij A. Batenburg, te Terneuzen, in het openbaar, om contant geld, te koop aanbieden het Engelse, kopervast, sterk gebouwd barkschip CATHARINA, groot 837 Engelse tonnen, met deszelfs rondhouten etc., zoals het thans is liggende in het Kanaal te Terneuzen.
Geclassificeerd te Quebec in augustus 1874 met Æ – Lloyd's Register voor 4 jaar; heeft laatste reis van Philadelphia aangebracht 5.800 vaten petroleum.
Informatiën bij de heren Gebr. Polak te Vlissingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 18 september. Laatstleden donderdag (opm: 14 september) is met goed gevolg van de werf van de heer J.G. Bodewes te water gelaten het tjalkschip RENSIENA OLDENBURGER, groot 66 tonnen, zullende bevaren worden door schipper J. Veen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontving ik het treurig bericht, dat mijn geliefde echtgenoot Harm Oldenburger, gezagvoerder van de brik CATHARINA, de 9e augustus te Mexico is overleden in de ouderdom van ruim 51 jaren, mij nalatende uit ons 25-jarig huwelijk zes kinderen en een aangehuwde zoon.
Nieuwe Pekela, 17 seotember, Catharina Smith, wed. H. Oldenburger


21 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen a/d Lek, 19 september. Heden werd van de werf van de heren J. & K. Smit met goed gevolg te water gelaten een ijzeren schroefstoomsleepboot voor de Maatschappij tot Ontginning en Vervening van de Peel, genaamd Helena-Veen, directeur de heer J. v.d. Griendt te 's-Hertogenbosch. De machine, 30 pk., wordt vervaardigd door de heren Diepeveen, Lels en Smit te Kinderdijk. Tevens zijn onlangs de kielen gelegd voor een stoombarge Utrecht – Vreeswijk, voor een goederenboot tussen Leeuwarden – Amsterdam en voor een veeboot op de Lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. Volgens heden bij de rederij ontvangen telegrafisch bericht is het Nederlandse barkschip GROEN VAN PRINSTERER, kapt. De Jong, de 19e dezer te Newcastle gearriveerd. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 17 september. Het bij Vlissingen verbrande stoomschip C.F. FUNCH is als geheel wrak te beschouwen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 17 september. (Per telegraaf). Het Nederlands brikschip ALPHA?, van Lovisa met delen naar Svendborg, is te Rohnehamn gestrand; volk gered.
(opm.: vraagteken is van de redactie van de NRC)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tromsø, 31 augustus. De Nederlandse schoener OOSTZEE, kapt. Van Dijk, van Archangel naar Delfshaven, 7 dezer wegens averij in Andenaes binnengelopen en na volbrachte reparatie 14 dagen later van daar weer vertrokken, was tot bij de vuurtoren gekomen toen men brand in het ruim ontdekte; daar men niet bij het vuur kon komen zette men het schip op strand en liet het vol water lopen. Van de lading, bestaande uit teer, gerst en vlees, zijn ongeveer 60 vaten vlees, benevens enige kleinigheden geborgen, welke in publieke veiling verkocht zullen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 8 juli. Het barkschip TJIN ENG LIE, is ter rede van Samarang gezonken. Tot aanduiding van het wrak is aldaar een Herbertsboei gelegd. Nadere bijzonderheden ontbreken.


  JB - Javabode

Soerabaija (geen datum). Het afgekeurde stoomschip VICE-ADMIRAAL KOOPMAN, heden alhier verkocht, bracht NLG 36.400 op. Koper de heer C. Blairon.


22 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. In de oorlog van 1870-71 werden de bureaux van Bureau Veritas van Parijs naar Brussel verlegd, waar zij na die tijd gevestigd gebleven zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 september. Het kofschip CATHARINA ELISABETH, kapt. Lever, heeft heden de lading beenderen aan boord gekregen en is uit de haven vertrokken.
Het schoenerschip JANSJEN wordt op de werf alhier zo goed mogelijk dicht gemaakt, ten einde van hier naar Zwolle te vertrekken om daar verder te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rendsburg, 19 september. Het Nederlandse kofschip MARGARETHA, kapt. Mulder, met planken van Memel naar Winschoterzijl, is met verlies van deklast, na een zeer stormachtige reis, de 16e te Holtenau aangekomen en heden hier gepasseerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Stoomvaart Groningen – Londen.
Vrijdag en zaterdag a.s. zal te Groningen in de Oosterhaven in lading liggen naar Londen, het nieuwe Engelse stoomschip MIGNONETTE, kapt. Dixon.
Voor goederen wende men zich tot de agent R.B. Jager, Folkingestraat, Groningen.


  JB - Javabode

Batavia, 22 september. Volgens rapport van de gezagvoerder van het hier aangekomen Nederlandse schip LIBERAAL is de 18e dezer op Java’s Eerste Punt een Engelse bark gestrand. Bijzonderheden ontbreken tot dusver.


23 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 19 september. De Nederlandse schoener REGNERA, kapt. Wortelboer is na geëindigde reparatie van hier naar St. Petersburg vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Gerrit Jan Boelen en Adrianus Roland Holst, makelaars, zullen als lasthebbende van hun principalen, op woensdag 11 oktober 1876, des namiddags ten half drie uur precies, te Amsterdam, in het lokaal De Brakke Grond, in de Nes, ten overstaan van de notaris J.L. Kabel, in veiling brengen diverse scheepsaandelen, als:
- 1/32 aandeel in het Nederlands gekoperd fregatschip JOHANNES, groot volgens Nederlands meetbrief 1597 tonnen of 845 gemeten lasten, gevoerd door kapt. M.H. Visser; thans op reis naar Java.
- 1/30 aandeel in het Nederlands ijzeren fregatschip OCEAAN, groot volgens Nederlands meetbrief 920 tonnen of 487 gemeten lasten, gevoerd door kapt. W. Cramer; thans op reis naar Java.
- 1/64 aandeel in het Nederlandse barkschip WIJK-AAN-ZEE, groot volgens Nederlands meetbrief 729 tonnen of 385 gemeten lasten, gevoerd door kapt. A. de Looper; volgens laatste bericht ladende te Passaroeang.
Nadere inlichtingen begerende, gelieve men zich te vervoegen bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 21 september. Het Nederlandse fregatschip AMSTEL, kapt. Haacke, alhier van Singapore aangekomen, geraakte op Pluckington Bank aan de grond, doch werd na een korte tijd vast gezeten te hebben afgesleept. Of het schip schade geleden heeft is niet bekend.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Texel, 21 september. Het schoenerschip JANSJEN, kapt. Niggebrugge, wordt op de werf hier zo goed mogelijk dicht gemaakt ten einde van hier naar Zwolle te vertrekken om daar verder te repareren.


  JB - Javabode

Batavia, 23 september. Wederom hebben een aantal lieden waarschijnlijk hun leven te danken, dat er een lichttoren op Java’s Eerste Punt wordt opgericht. Men herinnere zich, dat de derde zondag in september des vorigen jaars aldaar het Engelse schip DERWENT verging, en thans verongelukte aldaar op de derde zondag in september van dit jaar het Engelse barkschip WALLACE, kapt. Ikea, van Cardiff naar Singapore bestemd met steenkolen. Wederom zijn alle opvarenden, 23 in getal, even als hun voorgangers van de DERWENT, door de heer Jaspers, belast met de lichttoren aldaar, en zijn onderhebbenden met de meeste zorg geassisteerd en welwillend opgenomen, tot er gelegenheid zal bestaan die arme schipbreukelingen naar Batavia op te zenden.


24 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velsen, 23 september. De proef met de mal van het stoomschip KONING DER NEDERLANDEN (opm: het ramtorenschip) heeft lang niet aan de verwachting voldaan. Van de reis van het stoomschip zal dus vooreerst wel weder niets komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 22 september. Het Nederlandse kofschip ANNETTE CORNELIA (opm: kof, bouwjaar 1828, kapt. Hinderikus Leeuwe), van Brussel naar Memel bestemd met dakpannen, is zwaar lek op strand gezet en zal geheel wrak worden. Er zal waarschijnlijk weinig van het schip geborgen kunnen worden. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ringkjöbing, 21 september. De Nederlandse schoener EMANUEL (opm: mogelijk EMMANUEL), kapt. Sliep, van Schiedam in ballast naar Memel, is bij Thorsminde gestrand. De uit vier man bestaande equipage is gered.


25 september 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 21 september. Op Helgoland moet dezer dagen veel wrakhout zijn aangedreven, waarschijnlijk afkomstig van het Appingedamster kofschip DOEGJEN DIJK, kapt. P. Riepma, dat voor enige tijd in de Noordzee gezonken is.


  JB - Javabode

Anjer, 25 september. Het Nederlandse schip OTTOLINA, kapt. Ouwehand, van Brouwershaven naar Batavia, rapporteert, dat op 23 september een schip zat op Brouwers-eiland. Dit is vermoedelijk de Oostenrijkse bark UGO, de 19e september aldaar gestrand. De kapitein en 12 man zijn gered, de echtgenote van de kapitein en drie man zijn om het leven gekomen.
(opm: geredigeerd, zie ook JB 280976).


  JB - Javabode

Soerabaija, 18 september. Heden morgen deelt men ons mede, dat het schip SIE SOPHIE – zie ons nummer van de 9e dezer – door zeerovers geheel leeggeplunderd en daarna verbrand is.


26 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Van der Velde, is 1 september van Maulmain in de Tafelbaai aangekomen; het heeft lekkage en meer andere schade door slecht weer bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. De vrachten zijn vaster en is het moeilijk om voor het Kanaal geschikte schepen tot GBP 3.- te krijgen. Bevrachters zijn echter weinig genegen om meer te betalen, hetgeen de afsluitingen enigszins belemmert. De moeilijkheid om zwaar goed voor Nederland te krijgen blijft voortduren en is tot nog toe niet meer dan NLG 55 voor suiker te bedingen. De Factorij hield op de 10e dezer een inschrijving voor de overvoer van lading naar Nederland, waarvoor 15 schepen mededongen en waarvan de volgende werden opgenomen: SLIEDRECHT voor 15.000 picols naar Amsterdam à NLG 65, ANTOINETTE voor 1.500 picols naar Amsterdam à NLG 65, MARIE voor 7.500 picols naar Rotterdam à NLG 75 (opm: zal drukfout zijn, wellicht ook NLG 65), LUITENANT-GENERAAL VAN SWIETEN voor 15.000 picols naar Rotterdam à NLG 64,50, SAMARANG voor 15.000 picols naar Middelburg à NLG 64,80, UTRECHT voor 3.000 picols naar Middelburg à NLG 65, INDIA PACKET voor 15.000 picols naar Amsterdam à NLG 65, alles per last.
Aan afsluitingen voor Nederlandse schepen zijn te melden: stoomschip PRINS VAN ORANJE, naar Nieuwediep koffie NLG 100, tabak NLG 100, thee NLG 100, indigo NLG 120; PRESIDENT VAN RIJCKEVORSEL naar Amsterdam koffie NLG 65, in de Oosthoek te laden, MERAPI koffie NLG 65, op de kust te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 24 september. De werkzaamheden aan het droogdok zijn weer zover gevorderd, dat men hoopt over 14 dagen het weer voor exploitatie te kunnen openen. Zoveel mogelijk is alles aangewend om kweladers te stoppen. Het machinegebouw en de holle drempel van de bateauporte zijn rondom opgegraven en voorzien met stortingen van schorklei, dennentakken, puin en bazaltstukken. De koker van het machinegebouw naar het achterdok is verbeterd; in de onderkanten van het voordok zijn ook de kwelpunten door stortingen weggenomen en vervolgens aan beide zijden beslagen met een krammat, waardoor afslag wordt voorkomen. De zuider zijmuur blijft staan, maar wordt met ankers voorzien; de klep tussen het voor- en achterdok is zoveel mogelijk dicht gebreeuwd, terwijl ook voor de drempel daarvan stortingen zijn geschied. De grote ERASMUS, die thans aan de loskade ligt, zal het eerst in het dok worden gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 18 september. Het schip NERVA, kapt. Larsen, de 1e dezer op Keskola rif gestrand, is afgekeurd en zal publiek verkocht worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 23 september. In het Scheurrak is aan de grond gelopen het stoomschip BURGEMEESTER ZEIJLSTRA, van Harlingen naar hier bestemd. De lading vee voor Londen is gelost en hier aangebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lemvig, 22 september. Van het hier gestrande kofschip ANNETTE CORNELIA, kapt. H. Leeuwe, van Brussel met dakpannen naar Memel bestemd, zal waarschijnlijk weinig geborgen kunnen worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Vrijdag de 29e september 1876, 's avonds te zes uur, zal, ten huize van de logementhouder J.P. Scherpbier te Oude Pekela, in het openbaar, à contant, worden verkocht het in de Nederlanden te huis behorend galjootschip HINDRIK WESTER, thans liggende te Gent, groot 164 tonnen (oude meting), laatstelijk bevaren door de kapt. K.J. Drenth, en in het jaar 1865 nieuw uitgehaald. Nadere inlichtingen te bekomen bij de boekhouder, de heer J.J. Koerts te Oude Pekela, en ten kantore van de notaris mr. F. Roessingh.


  JB - Javabode

Padang, 16 september. Sedert enige dagen ligt in de Padangrivier een net en rank stoomvaartuig, de LOUISE, gezagvoerder J. Gerdes, door de heer Diemont onlangs te Singapore aangekocht voor de dienst tussen de wal en de reede alhier. De heer Diemont heeft hier thans twee stomers voor de gemeenschap met de rede in de vaart, en ’t is dus te voorzien dat aan alle eisen van de tegenwoordige oorlogs-omstandigheden naar behoren zal kunnen voldaan worden.
De LOUISE werd in 1875 te Singapore gebouwd van djattihout en is kopervast en gekoperd. Het scheepje is 80 voet lang en 14 voet breed op een diepgang van 5 voeten en heeft een laadruimte van 35 last. De machine uit de bekende fabriek van Hall, Russell & Co. te Aberdeen heeft hoge drukking en 38 paardenkrachten, en wordt door deskundigen zeer geroemd.
De reis van Singapore herwaarts was voorspoedig en heeft de LOUISE als een goed en sterk schip doen kennen. De tocht van Singapore naar Batavia duurde 3 en van daar naar hier 4½ etmalen, zodat bij benadering kan worden aangenomen, dat de stomer 7½ mijl (opm: een gemiddelde snelheid van 7,5 knopen) behouden gelopen heeft.
De heer Diemont verdient onzes inziens wegens zijn ondernemingszin, welke Padang in het algemeen, maar de gewonde en zieke van Atjeh komende soldaten in het bijzonder, zo zeer ten goede komt, door zijn medeburgers in het openbaar geprezen te worden, gelijk wij dan ook gaarne doen. Terwijl we meteen in herinnering brengen, dat hij nu tien jaren geleden het eerste, te Sumatra’s Westkust thuis behorende stoomschip ONDERNEMING, tussen Padang en de rede in de vaart bracht en later een geregelde maandelijkse dienst naar de noordelijke havens opende, ja zelfs het eerste stoomvaartuig, de ATJEH, hier heeft laten bouwen.


27 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 22 september. Het schoenerschip JEANNE, kapt. Panerer, van IJsland en het Nederlandse schoenerschip OMEGA, kapt. De Boer, van Stettin, beide op hier bestemd, zijn de 21e dezer met elkander in aanvaring geweest. De schade aan de JEANNE wordt begroot op Ffrs. 2 à 300.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Padang, 5 augustus. Volgens bericht van kapt. Duinker, voerende het Nederlands schip ORTELIUS, van Cardiff alhier aangekomen, is het schip zwaar lek, doch hoopte men het lek te kunnen stoppen zodra er zoveel van de lading gelost is dat het koper boven water komt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 26 september. In bevrachtingen naar Engeland gaat voortdurend weinig om. Voor en na wordt een enkel schip gecharterd tegen Sh.8/- per 10 quarters haver voor Newcastle of Sunderland.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Gneral Steam Navigation Co. De ondergetekenden brengen ter kennis van de handel, dat binnen weinige dagen een geregelde stoomvaart tussen Groningen en London v.v. zal worden geopend. Dagen van afvaart zullen nader worden bekend gemaakt.
De agenten van de General Steam Navigation Co., F. Harmens, J. Foekes, I.& S. Wiarda en Repco & Co., allen te Harlingen.


28 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand, 26 september. Het schip ALMENUM, kapt. Leujes in ballast naar Soderhamm bestemd, is bij Kaap Naze (Noorwegen) gezonken; de equipage is gered en te Farsund aan land gebracht.
(opm: zie ook AH 290976 en NRC 021076)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Te koop een halfsleten tjalkschip, groot 78 ton, te bevragen bij J.G. Arends aan de Hooge der A te Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen de 16e september. Scheepsvrachten. Gedurende deze week was er hoofdzakelijk vraag naar kleine zeilschepen naar Oostzeehavens, de Wezer en Elbe, terwijl grotere geplaatst konden worden naar Oost-Noorwegen en de Wezer. Naar Groot-Brittannië is slechts één schip gecharterd en enige ladingen haver, welke daarheen nog voorhanden zijn, vinden geen nemers. Bewilligd werden de volgende vrachten: Naar de stad Bremen 27 Mark incl. naar Oldenburg 30 Mark per 4300 Engels Pond rogge; naar Lübeck, Kiel en Flensburg 20 Mark, naar Faaborg en Eckernförde 21 Mark, naar Memel 23 Mark, naar Oost-Noorwegen 20 à 24 Mark, naar de grootte van de schepen, alles per 500 Engels Pond rogge; naar Weener 27 Mark per 4520 Engels Pond rogge; naar Duinkerken, Havre en Abbeville Sh.2/10½ , de Firth of Forth Sh. 2/, beide per 500 Engels Pond tarwe; naar Norrköping, Gotenburg of Stockholm Sh.16/ per ton lompen in geperste balen, enz. Op het ogenblik blijven kleine schepen naar Oostzeehavens nog gezocht. – Stoomschepen vinden wat meer attentie; naar Rotterdam bedong men Sh.2/4½ à 2/9 per 500 Engels Pond tarwe.


  JB - Javabode

Op de 24e dezer kwamen te Anjer aan de gezagvoerder Paulitich, stuurman en elf matrozen, allen behoord hebbende tot het Oostenrijkse barkschip UGO, welk vaartuig beladen met kolen te Cardiff met bestemming voor Hongkong, is gestrand op het Brouwerseiland in de nabijheid van de zuidkust van Java.
Het vaartuig is totaal vergaan, waarbij de echtgenoot van de gezagvoerder en drie matrozen het leven hebben verloren. De geredde schipbreukelingen zijn alhier met de adviesboot van Anjer aangebracht en worden door het bestuur verpleegd. Zowel te Anjer als hier ter plaatse ondervinden de schipbreukelingen de meest liefderijke behandeling; inzonderheid roemt men de menslievende behandeling van de assistent-resident van Anjer, de heer Hofstede.


29 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 26 september. Het schip ACADIE, kapt. Oldenburger, van Delfshaven naar St. Martin, is heden alhier binnengelopen met verlies van boten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 28 september. Het Nederlandse schip ALMENUM, kapt. Leujes, van Harlingen naar Söderhamn, is op de hoogte van Lindesnäss gezonken. Volk gered en te Farsund geland.
(opm: de ALMENUM was op 22 september uit het Vlie naar Söderhamn vertrokken).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triëst, 23 september. Ten gevolge van gebrek aan scheepsruimte zijn de vrachten van hier naar Fernambuck, Bahia en Rio Janeiro weder tot Sh.55/- met 5% per ton meel gestegen. Ook op de Ionische eilanden is de vraag naar schepen om krenten te laden tamelijk groot.


  JB - Javabode

Advertentie. Morgen, zaterdag 30 september 1876, zullen de ondergetekenden op last van de Britse consul in het lokaal van het Vendu-departement alhier publiek verkopen, precies om 11 uur, het wrak van het Engelse schip WALLACE, groot 1.112 tonnen, gebouwd te Québec in 1856, liggende of niet liggende nabij Java’s hoofd, zomede de zich aan boord bevindende lading steenkolen. Verder een reddingsboot, liggende in de Groote Rivier, alsmede twee chronometers, kompassen, enige provisiën enz.
John Pryce & Co.


30 september 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 28 september. Op de scheepstimmerwerf van M. van der Kuijl alhier is heden voor rekening der heren Gebr. Van der Schuijt te Rotterdam de kiel gelegd van een ijzeren schroefsleepboot, de MARIA JACOMINA, waarvoor de stoommachine van 16 paardekracht, compound-systeem, aan de fabriek van genoemde heren wordt vervaardigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 28 september. Het stoomschip ULYSSES, van Rotterdam naar Napels, is alhier aangekomen met lekke ketel en zieke eerste machinist.


  AH - Algemeen Handelsblad

Middelburg, 27 september. Heden is in de werkzaamheden van het droge dok alhier de eerste zichtbare verandering gekomen, welke recht geeft tot de veronderstelling, dat een gedeelte van het werk zijn voltooiing nadert. Hield men tot dusverre, door ijverig pompen, de ruimte achter de kistdam droog, ten einde op de bodem te kunnen werken, thans is door middel van twee waterlopen, welke in die dam gemaakt zijn, aan het water toegang gegeven, zodat het voor-dok zich langzamerhand begint te vullen.
De werkzaamheden tot versterking en beveiliging van de bodem in het voor of natte dok mogen dus geacht worden afgelopen te zijn. Men heeft in de onmiddellijke omtrek van de drempel van de schipbrug de weggezakte of weggespoelde massa's grond door aanzienlijke hoeveelheden zware klei, stenen, zand en puin aangevuld; men heeft diezelfde specie zover mogelijk ook tussen de palen en onder de fundamenten van het machinegebouw gestort; men heeft al deze nieuwe bodemzelfstandigheid bevestigd door matten van gevlochten stro en dennentakken, waarop weer stenen gelegd zijn. Over de gehele omtrek van het voor-dok is het droog liggende gedeelte van de bodem op gelijke wijze door middel van stromatten voor afbrokkeling beschut. De waterloop, die bestemd is om het water uit het achterdok, onder de bodem van het voordok door, af te voeren, is opnieuw gebreeuwd en naar men hoopt voor lekken beveiligd. Vóór de afsluitingsklep tussen het voor- en achterdok zijn mede aanzienlijke hoeveelheden klei, stenen en ander specie gestort en is de bodem door matten bevestigd. In het algemeen is deze klep thans zodanig versterkt, dat zij voor het drooghouden van het achter-dok een veel gewichtiger rol zal kunnen spelen dan, naar de oorspronkelijke constructie, te oordelen, aanvankelijk ondersteld kon worden haar bestemming te zijn. Het oude brok kaaimuur in het voordok, dat zichtbaar aan het verzakken is en een aantal scheuren vertoont, die achtereenvolgens weer dicht gemaakt zijn, schijnt voorlopig niet vernieuwd, maar door ankers of andere middelen versterkt te zullen worden. Door het water gesteund, dat in de regel in het voordok zal staan en door de opstaande klep buiten het droge dok gehouden zal worden, zal, naar men schijnt te veronderstellen, dit bouwvallige stuk nog enige tijd aan de vereisten kunnen voldoen. Dit gedeelte van het werk schijnt overigens van zijn voltooiing nog ver verwijderd. De doorbraak, welke in de kaaimuur van het voordok heeft plaats gehad, is gedicht door het inheien van dubbele rijen palen, zo binnen als buiten de kaaimuur. De ruimte tussen die rijen is weer door het instorten van zware klei en andere specie aangevuld, welke men ook aan die zijde zoveel mogelijk tussen de palen van het machinegebouw heeft ingewerkt. Op één plaats is een stenen beer gemetseld, welke mede tot steun van het metselwerk en tot afsluiting van het water dienen moet.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN ligt nog steeds op dezelfde plaats in het nieuwe kanaal. De diepte van het water rond het schip is juist dezelfde gebleven in de vier weken, dat het daar ligt, hetgeen een zeer bevredigend bewijs is, dat het kanaal in het geheel niet verzandt. IJverig is men bezig met het wegnemen van de enkele ondiepten in de haven, welke het vertrek van het grote schip nog verhinderen, doch enige dagen goed weer en kalme zee, zijn onontbeerlijk om dat werk te voltooien. De commandant van het kostbare schip heeft groot gelijk dat hij met wijze voorzichtigheid niets aan het toeval overlaat, doch alle voorzorgen neemt. Oktober heeft meestal enige kalme schone najaar dagen, waarin met kracht zal kunnen gewerkt worden om de enkele ondiepten - welke ook geheel onveranderd gebleven zijn sinds de eerste peiling - te verwijderen. Naar het werk zich nu laat aanzien is er gegronde hoop dat met 1 november het kanaal zal kunnen opengesteld worden. Wellicht ware het niet ongepast zo dit feestelijk plaats had. Indien men wachten wil met een feestelijke opening totdat haven en kanaal geheel aan alle eisen voldoen, zou men misschien wat al te lang moeten wachten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 29 september. De vraag naar scheepsruimte voor Engeland was heden iets meer geanimeerd. Men besteedde voor de kolenhavens Newcastle, Sunderland of Hartlepool Sh.9/- per 10 quarters haver.


01 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 augustus. Vrachten. De levendige stemming in het vorig bericht vermeld, bleef ook dezer dagen deze markt beheersen en zijn weer verscheidene afdoeningen te vermelden, waardoor het getal onbevrachte schepen zeer verminderde. Behalve de schepen door de Factorij, werden onderhands nog enige opgenomen voor 15.000 picols tot NLG 65 en bleef NLG 75 voor 260 last van de Noordkust grif te bedingen. De grote schepen bleven echter 260 last weigeren, totdat zij van de nodige bijlading verzekerd waren, want, eenmaal koffie aangenomen hebbende, is het hun genoeg bekend dat de exporteurs van andere artikelen niet achterwege zullen blijven hiervan te profiteren. Dezer dagen betaalde de Factorij NLG 70 voor 12.000 picols koffie van de noordkust. Suiker naar Nederland werd zeer weinig aangeboden en varieerden de koersen tussen NLG 52½ en NLG 55. Hoger is echter niet te bedingen. Twee schepen accepteerden te samen 12.000 picols rijst van Indramayoe tot NLG 55. Naar het Kanaal werd grif GBP 3 betaald met zeer gunstige bijcondities en een afdoening had plaats tot GBP 2.3.6. Voor suiker naar Amerika werden enige schepen opgenomen tot GBP 3. Naar Australië wordt thans GBP 1.15/- naar Melbourne geboden en GBP 1.12.6 à GBP 1.11.6 naar Sydney betaald. In tussenvrachten ging niets om. Stoomboten laden koffie en thee tot NLG 100.
De laatste afdoeningen zijn: Naar Nederland, de Nederlandse SINDORO NLG 65 voor 15.000 picols koffie, naar Amsterdam; SUNDA NLG 65 voor 15.000 picols koffie naar Rotterdam; KORTENAER NLG 65 voor 15.000 picols koffie, uit de Oosthoek naar Rotterdam; AMSTELSTROOM NLG 70 voor 12.000 picols koffie naar Amsterdam; PAULINE CONSTANCE ELEONORE NLG 75 voor koffie van Pangool naar Amsterdam; INDIA NLG 55 voor suiker, NLG 65 voor koffie naar Middelburg; de Nederlandse JOHANNA EN WILLEM GBP 1.12/6, voor suiker. De Nederlandse JUPITER accepteerde zout van Sumanap naar Tjilatjap tot NLG 18,96 per koyang.
Onbevrachte Nederlandse schepen op Java: LOURENS COSTER, JONGE JAN, HENRIETTE ADRIANA, JOHANNA EN MARIA, JAVA, JAVA PACKET, AURORA, NIEUWE WATERWEG II, PRINSES AMALIA, GESIENA MARIA, BATAVIA en AARDENBURG.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 september. Heden werd met goed gevolg van de Werf 't Kromhout van de heer D. Goedkoop Jr. te water gelaten een ijzeren schroefsleepboot, genaamd SNIP, voor rekening van de sleepdienst L. Smit & Co., te Rotterdam. De machines zijn vervaardigd door de heren Gebr. Schutte, mede alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 30 september. Volgens telegrafisch bericht is het schip JOHANNA EN MARGARETHA, kapt. Ruhaak, vóór 23 dezer te Meeuwenbaai gearriveerd.


02 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het stoomschip GRAAF VAN BIJLANDT, kapt. Van Emmerik, is de 29e september van Greenock naar Batavia vertrokken. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 oktober. Het schip WILHELMINA EN CLARA, kapt. Tjebbes, gemeerd liggende in het Oosterdok te Amsterdam, is heden ochtend omstreeks half 6 ure, door de hevige wind op zijde gevallen en vol water gelopen. Persoonlijke ongelukken hebben daarbij niet plaats gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Farsund, 26 september. Door het stoomschip TRIAL zijn gered en alhier geland de equipage van het Nederlandse schoenerschip ALMENUM, kapt. Leujes, van Harlingen naar Söderhamn bestemd, welk schip 10 mijlen van Lindesnaes gezonken is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bahia, 29 september, per telegram. Het Nederlandse schip AUGUSTE, kapt. Lange, van Shields naar Atchin met kolen, is alhier met verlies van de grote mast binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 23 augustus. Het wrak en de inventaris van de SOLENT, in Gaspar straat gestrand, is voor NLG 6.250 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 1 oktober. Van de werf Dammes Erve, toebehorende aan de scheepsbouwmeester J. Korver, is met goed gevolg te water gelaten het sloepschip DE EERSTELING, bestemd voor de kabeljauwvisserij, zullende gevoerd worden door de schipper J. van der Hoeven, voor rekening van een te Hellevoetsluis gevestigde maatschappij, genaamd De Onderneming.


03 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velzen, 2 oktober. De tocht met de mal was gisteren gunstig. Het stoomschip KONING DER NEDERLANDEN wordt heden van bemanning voorzien en door de sluizen gehaald en vertrekt naar gelang van weer en wind denkelijk eerst morgen namiddag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 2 oktober. Bij gelegenheid dat jl. donderdagavond in de fabriek van de heren Gebr. B. Pot, te Elshout a/d Kinderdijk, de duizendste ijzeren molenroede gereed gekomen was, werden alle werklieden, de gehuwden en hun vrouwen, uitgenodigd de volgende dag de gasten van hun patroons te zijn. Ten dien einde lag vrijdagochtend een stoomboot gereed, waarmede in tegenwoordigheid van een van de heren een tocht werd gemaakt naar Rotterdam; daar werd een bezoek gebracht aan het maritiem museum, het park en de diergaarde, waarna men zich aan een wel voorziene tafel in het Hotel Leijgraaff verenigde.
Verder ontving elk van de werklieden een spaarbankboekje met een gratificatie in geld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 2 oktober. Morgen vertrekt het ramtorenschip SCHORPIOEN en twee sleepboten om het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN herwaarts te halen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 28 september. Het wrak, de geborgen tuigage en lading van het gestrande Nederlands schip MERWEDE, kapt. Glimminga, van Riga naar Dordrecht, hebben 25 dezer in veiling te samen NLG 20.400 opgebracht, waarvan p.m. NLG 16.000 voor het hout en NLG 700 voor het wrak.


  AH - Algemeen Handelsblad

Batavia, 23 augustus. Het schip WALLACE is op Javahoofd gestrand en slaat geheel aan stukken. Het schip was bestemd voor Cardiff naar Singapore.


04 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velzen, 3 oktober. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN is heden namiddag, ten 2 uur van de Noordzeesluizen vertrokken. De sleepboot AMSTERDAM ging voor, twee andere oorlogsvaartuigen gingen langszijde, en de sleepboot ARCHIMEDES achteraan. Men ging langzaam vooruit. Buiten de stenen bermen ging de sleepboot de Noord op; het ramtorenschip ging te zuidelijk en raakte de grond. Dit was een pijnlijk ogenblik. Gelukkig was het water wassende en een paar minuten later kwam het schip weer vlot. Even vóór 3 uur hees men de vlaggen aan het uiteinde van de pieren omhoog, en de ramschepen in zee losten twee schoten. De KONING DER NEDERLANDEN was in het ruime sop. Het eskader vervolgde verder onder gunstige omstandigheden de tocht naar Willemsoord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van de werf van de heer I.A.Hooites te Hoogezand is laatstleden woensdag (opm: 27 september) te water gelaten een brikschip, groot 235 ton.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 oktober. Scheepsvrachten. Voor Engeland of Frankrijk was heden geheel geen vraag.


05 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Velzen, 4 oktober. In ons vorig bericht omtrent het ramtorenschip KONING DER NEDER-LANDEN, zijn, ten gevolge van de telegrafische vorm, in de bijzaken een paar onnauwkeurigheden ingeslopen. Het ramschip had niet twee oorlogsvaartuigen, maar twee sleepbootjes (zogenaamde kanaalboten) langszijde, die, toen het schip buiten was, terugkeerden. De ramschepen GUINEA en SCHORPIOEN lagen in zee hun makker af te wachten, om hem te begeleiden.
De kolossus is dus uit zijn gevangenschap ontsnapt, hoewel hij een ogenblik dreigde te worden tegengehouden. Het was even buiten de stenen bermen op het zogenaamde tweede rif, waar de mal herhaaldelijk heeft gestoten. Men had toen wat te zuidelijk aangehouden, althans indien wij goed gezien hebben, lag het schip toen ten zuiden van de witte boei, die de grens van de geul aanduidde. De sleepboot ging nu Noordop en de tros maakte met het schip een rechthoek en, niettegenstaande de boot volkracht aanzette, zagen wij de streven zuidwaarts afvallen; de wind kwam van achteren in en kon dus hiervan de oorzaak niet zijn; waarschijnlijk gleed de bodem op dat ogenblik van de bult, waarop hij vastzat; enige ogenblikken later kwam er schot in en ging het ongehinderd voort.
Voor stoomboten van mindere diepgang dan de KONING DER NEDERLANDEN kan het Kanaal dus worden in gebruik genomen als er zorg gedragen wordt, dat enige verhevenheden, die van tijd tot tijd ontstaan, worden weggebaggerd.
Voor binnenkomende zeilschepen kan van het Kanaal alleen bij zeer gunstige gelegenheid en als die schepen gesleept worden, gebruik worden gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 september. Het schip WALLACE, van Cardiff naar Singapore met kolen, is geheel verloren. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 september. Het schip UGO, van Cardiff naar China, is op Brouwers Eiland gestrand en wrak. Drie man van de equipage zijn verongelukt; de overige zijn te Anjer aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 3 oktober. Het hier van Laurvig aangekomen schip BOUWINA, kapt. Middel, heeft de reis van hier heen en terug in 12 dagen volbracht; het heeft thans acht Noorse reizen gedaan.


06 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Men verneemt, dat het schroefstoomschip 4e klas BATAVIA, in aanbouw bij de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen en bestemd voor de Marine in Indië, binnen weinige dagen zal worden te water gelaten.
De MACASSER, een dergelijk vaartuig, is mede zijn voltooiing nabij; dit schip heette vroeger SURINAME en was bestemd voor de Nederlandse Marine; ten gevolge echter van de bestaande behoefte aan deze soort van schepen in Indië is dit schip door het Departement van Koloniën overgenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 5 oktober. Door de directie van de Marine is heden aanbesteed het slopen van het afgekeurde transportschip JAVA. Minste inschrijver de heer H. van der Hulst alhier voor NLG 3.700.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Ayres, 29 augustus. De Nederlandse schepen LANDBOUW en ENGELINA zijn bevracht om hier te laden naar Falmouth voor orders.


07 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 16 september. Kapt. De Vries, voerende het Nederlands schip
'S GRAVENHAGE, van Batavia naar Rotterdam, rapporteert de 29e en 30e augustus op 34˚30' ZB 22˚ OL zwaar stormweder gehad te hebben, waardoor het schip plat op zijde geworpen werd en verscheidene zeilen verloren gingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 oktober. Naar aanleiding van ’s Konings Besluit van 5 oktober 1876, No. 15, wordt Zr.Ms. schroefstoomschip SAMARANG, liggende te Fijenoord, met de 16e dezer in dienst gesteld met bestemming naar Oost Indië, het bevel over die bodem is opgedragen aan luit. ter zee 1e klasse D.J. Weys.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Thomas, 16 september. De Nederlandse schoeners SARA en MIDAS zijn door de orkaan, welke de 13e dezer alhier gewoed heeft, op de westzijde van de haven gestrand, doch hebben geen belangrijke schade geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 oktober. Het schoenerschip JANSJEN, kapt. Niggebrugge, is heden, na van ballast en een noodtuig te zijn voorzien, van hier naar Zwolle vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 5 oktober. Het hier van Laurvig aangekomen schip BOUWINA, kapt. Middel, heeft de reis van hier heen en terug in 12 dagen volbracht. Het heeft thans 8 Noorse reizen gedaan.


  JB - Javabode

Het stoomschip LOUISA, toebehorende aan de heer Diemont, vertrok de 22e september van Padang naar Baros, en was de 27e daaraanvolgende, des voormiddags ten 11 ure, weder terug. Het had dus binnen 5 etmalen de reis naar Baros en terug gemaakt. De Padangers mogen zich zelven wel gelukwensen met de aanwinst van zulk een vlugge stomer.


  JB - Javabode

Bantam. – In de morgen van 19 september jl., strandde de Oostenrijkse bark UGO, kapt. Thomas Paulitigh, inhebbende een lading steenkolen, komende van Cardiff en bestemd voor Hongkong, op het Trouwerseiland, gelegen aan de Zuidkust van het district Tjibilioeng. Binnen weinig tijd was het schip door de hevige golfslag en de branding uit elkaar geslagen.
Van de lading en scheepspapieren is niet kunnen worden gered. De echtgenote van de gezagvoerder, op het punt staande het schip te verlaten, werd door een golf van boord geslagen en verdronk. De equipage, bestaande uit 19 man, begaf zich in twee sloepen naar de wal. Een daarvan sloeg door de hevige branding om, met dit treurig gevolg, dat nog 3 personen in de golven de dood vonden. De overige 13 schipbreukelingen, waaronder de gezagvoerder, kwamen 23 september te Tjiringin aan, en vertrokken de volgende dag via Anjer naar Batavia.


08 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 oktober. Bij een dezer dagen door de minister van Marine genomen besluit worden aan een ram-monitor en een schroefstoomschip 4e klas, te Fijenoord in aanbouw, de namen gegeven van MATADOR en BONAIRE. Aan de bij de Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen en de Maatschappij Atlas, beiden te Amsterdam, in aanbouw zijnde stoomriviervaartuigen die van RHENUS en ISALA, en aan de stoomkanonneerboten, op stapel gezet bij Christie, Nolet & De Kuijper te Delfshaven, die van WODAN, THOR en FREYA, terwijl het gepantserd riviervaartuig de naam zal voeren van VAHALIS.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Heden namiddag werd aan de Koninklijke Fabriek van Stoom- en Andere Werktuigen alhier met goed gevolg te water gelaten het schroefstoomschip 4e klas BATAVIA. Dit schip is in alle delen gelijk aan de SAMARANG, die te Rotterdam wordt in dienst gesteld en waarvan onlangs een beschrijving in dit blad is opgenomen. Aan die beschrijving wensen wij alleen toe te voegen, dat de houten huid op de ijzeren wordt aangebracht met Hay's Marine composition, zonder de naden te kalfaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 oktober. Volgens brief van kapt. H.J. van Nouhuijs, voerende het fregatschip EUROPA, was hij de 14e augustus laatstleden, na een voorspoedige reis van 112 dagen, te Poeloe Bras gearriveerd.
Ten gevolge van slechte ankergrond en zware valwinden is het schip op drift gegaan en hield slechts op 50 meter afstand van de steile klippen, voor beide ankers met 90 en 40 vadem ketting. Onder deze hoogst gevaarlijke omstandigheden mocht kapt. Van Nouhuijs alle mogelijke hulp ondervinden van het etat-major en de manschappen van Zr.Ms. oorlogsschip DELI, van de commandant C. Schuilenburg van de SCHOUWEN, alsook van de gezagvoerder van het schip TROMP, kapt. Hoekstra en zijn equipage.
Aan hun verenigde krachtige pogingen mocht het gelukken het schip op een veilige ligplaats te brengen; ter voorkoming van groter onheil was men echter genoodzaakt een anker met 75 vadem ketting te laten slippen.
Kapt. Van Nouhuijs wenst door de vermelding van bovenstaand feit zijn erkentelijkheid te betonen voor de bereidvaardige assistentie, die hij mocht ondervinden, waaraan rederij, assuradeuren en alle belanghebbenden het behoud van het schip EUROPA te danken hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aden, 23 september. Het stoomschip JAPARA, van Londen naar Batavia, 17 september lek naar hier teruggekeerd, had een gat in de zijde, 4½ voet onder de waterlijn en ongeveer 3½ duim groot. Na gerepareerd te zijn is het schip 21 september weer vertrokken. Het is onbekend waardoor die schade ontstaan is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 oktober. Het ramtorenschip KONING DER NEDERLANDEN, dat dinsdag ((opm: 3 oktober) door de Noordzeehaven in zee is gebracht, kwam eerst ten 3 ure op de rede van Nieuwediep ten anker en woensdagmorgen ten 7 ure in de haven. Het schip is dadelijk binnen ’s Rijks werf gehaald en staat thans in het droge dok. Het schip is bestemd voor de algemene dienst en zal waarschijnlijk over een paar jaren naar Oost-Indië worden gezonden om de PRINS HENDRIK DER NEDERLANDEN af te lossen.


09 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 oktober. Men meldt ons uit Amsterdam: Ofschoon men er reeds in geslaagd is het in het Oosterdok omgeslagen schip WILLEMINA EN CLARA gedeeltelijk weer op te richten, wacht men nu op een nieuw toestel om er de laatste stoot aan te geven. De WILLEMINA EN CLARA lag reeds geruime tijd in het Oosterdok en zou in publieke veiling verkocht worden.


10 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Het Nederlands schip WILLEMINA EN CLARA, kapt. Tjebbes, in het Oosterdok op zijde gevallen, is weder opgericht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 9 oktober. (Per telegraaf). Het gestrande Nederlands schip MERWEDE, kapt. Glimminga, van Riga naar Dordrecht, op Vlieland verkocht, is door de kopers vlot gemaakt en gisteren alhier in de haven gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 7 oktober. Het stoomschip ARIADNE, van Rotterdam naar Sunderland, is op Cross Sand aan de grond gekomen, doch met assistentie van een sleepboot vlot geworden en heeft de reis, waarschijnlijk zonder schade, voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 4 oktober. Het schip ENGELINA, kapt. De Grooth, met talk geladen, is 2 september laatstleden in een orkaan op de rivier gezonken. Men heeft een aanvang met berging gemaakt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 30 september. Scheepsvrachten. Gesloten werd naar Delfzijl tot NLG 20 per last van 80 cub.ft. hout, naar Gent Bfrs.3,25 per ton zaailijnzaad, naar Portsmouth Sh.61/- per standaard planken en battens, naar Grangemouth Sh.51/- en naar Dundee Sh.52/6 per standaard planken, naar Leer NLG 20 per last van 80 cub.ft. muurlatten. Later is nog gedaan naar Havre en Honfleur tot Ffrs.73 en 5% per standaard planken.


11 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 oktober. De drie stoomkanonneerboten DOG, BRAK en GIER werden gisteren door de Vice-Admiraal geïnspecteerd. Deze geheel gelijkvormige vaartuigen lagen achter elkaar gemeerd en maakten op de beschouwer een indruk van regelmaat, orde, netheid en kracht. De gele en zwarte kleuren waarmede een en ander is geverfd, het heldere dek, het blinkende koper van de wachthuizen en machines, de gebruineerde kostbare stukken geschut op hun zwarte ijzeren affluiten met blanke machinerie, de geoliede kajuitskappen en lantaarns, de heldere kleuren van de vlaggen, die van het achtersteven wapperen, het jonge uitgelezen volk waaruit de bemanning bestaan: dit alles vormt een uitmuntend geheel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 oktober. Volgens brief van kapt. H. v.d. Velden, voerende het Nederlands schip HOLLANDIA, van Rangoon te Kaapstad aangekomen, had hij sedert het vertrek tot op 1 juli bijna onafgebroken slecht weer en hevige buien ondervonden, de 13e augustus werd het schip andermaal door een zware storm belopen, die met mindere of meerdere kracht aanhield tot de 27e daaraanvolgende, toen de wind van het ZW tot het NW liep en tot een orkaan overging. Tot die tijd had het schip zich uitmuntend gehouden, slechts enige kleine schade aan het tuig bekomen en was het dicht gebleven; doch in de nacht van 27 op 28 augustus, terwijl de orkaan steeds in hevigheid toenam, sloeg een stortzee de bakboordverschansing in, brak verscheidene stutten en vernielde alles wat zich op het dek bevond; de kajuit en kerk geraakten vol water en bleek het later dat de fokkemast zwaar gewerkt had en de boegspriet opgelicht was. Het schip werkte door hoge zeeën verschrikkelijk en begon toen ook water te maken, doch werden de pompen zoveel mogelijk gaande gehouden.
De orkaan hield aan tot de 30e augustus toen het weer gunstiger werd en men naar de bestemmingsplaats koers zette, alwaar men de 1e september aankwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sappemeer, 5 oktober. Heden is alhier van de werf van de scheepsbouwmeesters J. en H. Nijhuis te water gelaten het tjalkschip genaamd RIVAL, groot plm. 120 tonnen, zullende bevaren worden door kapt. P. Bekkering, van Wildervank.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Padang, 23 augustus. De oorzaak der lekkage van het Nederlandse schip ORTELIUS is nog niet gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 10 oktober. (19.17 uur). Op de binnenkant van de westpunt van de Banjaard is een Engelse bark gestrand. De bemanning van de reddingschokker, benevens twee sleepboten, zijn er heen geweest, doch konden door de hoge zee het schip niet bereiken. Deze nacht vertrekken zij weer daarheen, om met behulp van de reddingboot van Burgsluis te trachten de equipage, die nog aan boord is, te redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 10 oktober. (19.58 uur). Volgens rapport van kapt. Roodenburg, gezagvoerder van de sleepboot HELLEVOETSLUIS, is op de westpunt van de Banjaard een onbekend barkschip gestrand. De equipage heeft zelf de bramstengen en bramra's neergenomen en zich vermoedelijk, gedeeltelijk met eigen boot, aan boord van de Brouwershavense loodsschokker begeven, die nog buiten is. Het schip zal vermoedelijk hedennacht totaal weg zijn. De sleepboot kon geen assistentie verlenen.
(opm: volgens PGC 121076 de Nova-Scotia bark SIRIAN STAR).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triëst, 6 oktober. Scheepsvrachten. De vraag naar disponibele scheepsruimte is tamelijk groot. Naar Fernambuck, Bahia en Rio Janeiro wordt vlug Sh.55/- en 5% per ton meel bruto gewicht bewilligd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 9 oktober. Tot nader toelichting van het bericht omtrent het driftig raken van het schip EUROPA, kapt. Van Nouhuijs, bij Poeloe Bras, melden wij, dat het schip tot op 20 meter de klippen genaderd was. Door de verenigde assistentie van de in ons vorig bericht gemelde schepen mocht het gelukken een veilige ligplaats te bereiken. Men was echter genoodzaakt geweest het zwaar anker met 75 vadem ketting te laten slippen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 oktober. De vraag naar scheepsruimte blijft voortdurend gering. Voor en naar wordt een enkel schip bevracht voor de kolenhavens, tegen Sh.7/- à 8/-, voor Newcastle of Sunderland of Sh.8/- à 9/- voor Hartlepool per 10 quarters haver.


12 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 oktober. Blijkens ontvangen mededeling van de rederij zou het Nederlandse schip DIDO, kapt. A.H. van Wijk, van Messina naar Gallipoli verzeilen om olie te laden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 11 oktober. (10.45 uur). De op de Banjaard gestrande bark SIRIAN STAR, kapt. Carning, is geladen met petroleum en naar Rotterdam bestemd. Volgens rapport is er 7 voet water in het schip. Vaartuigen en sleepboten zijn in de nabijheid ter assistentie.
(14.30 uur). Alhier zijn aangebracht een stuurman en vier matrozen van de SIRIAN STAR. Het schip is nog dicht. Ongeveer 113 vaten petroleum zijn gelost. Men zal trachten als het weer bedaard het schip af te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 24 augustus. De Nederlandse schoener GESIENA, kapt. Mulder, is van hier naar Newchwang en terug op hier of Swatow bevracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 28 september. Het schip ASIA, kapt. Meijer Dirks, de 26e september van Amsterdam te Baltimore aangekomen, heeft in de orkaan van de 12e september op 43º NB 25º WL de grote steng en enige zeilen verloren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 11 oktober. Volgens telegram uit Amoy dd. 28 september, was de gezagvoerder Stegeman van het schip GESINA BRONS aldaar overleden en door de Duitse consul in diens plaats benoemd de eerste stuurman F. van Trumback.
(opm: mogelijk buitenlands schip).


13 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 12 oktober. De op de Banjaard gestrande bark SIRIAN STAR, kapt. Carning, maakt water. Verscheidene vaartuigen zijn er bij. De equipage verlaat het schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. Meeter & Co., makelaars te Zwolle, zullen als lasthebbende van hun principalen, ten overstaan van de heer notaris, Mr. J.H. van Roijen te Zwolle, op dinsdag de 24e oktober, des middags te 12 uur, in het Odeon te Zwolle, à contant, publiek verkopen het extra ordinair, wel bezeild en uitmuntend onderhouden Nederlands schoener galjootschip, genaamd BURGEMEESTER VAN SETTEN, groot 114 zeetonnen, gebouwd in 1856, met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, alles breder bij biljetten omschreven.
Het voorzegde schip ligt te Harlingen en is dagelijks te bezichtigen.
Nadere inlichtingen zijn te bekomen bij kapt. E.A. Braam aan boord, bij W. Meeter & Co., makelaars te Zwolle en bij de heer notaris voornoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 9 oktober. De Nederlandse galjoot GOUDVISCH, kapt. Teensma, is gisteren van hier vertrokken naar St. Petersburg met de lading van het schip JOHANNA, kapt. Vaalman, hetwelk de 17e september alhier met schade is binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mr. G. Baart de la Faille, notaris te Veendam, zal op donderdag de 16e november 1876, des avonds ten 7 uur, in het Hotel Everts, te Veendam, ten verzoeke van zijn principale tegen contante betaling publiek verkopen het in 1859 gebouwde schoenerschip, genaamd AFINA, groot 151 tonnen, met al diens opgoederen en toebehoren, zoals het een en ander thans is liggende te Delfshaven, bij de werf van de Gebr. De Wetering en tot heden is bevaren door kapt. O.D. Duintjer. De inventarissen zullen bijtijds op de gewone plaatsen ter lezing liggen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 12 oktober. Kapt. Angelo Ottaggio, voerende het Italiaanse schip CITO SECONDO, van de kust van Afrika te Marseille aangekomen, rapporteert dat het grootste gedeelte der equipage op de thuisreis door hevige koortsen was aangetast en zijn voorraad kinine was uitgeput. Op de 20e juli praaide hij het schip LIBERAAL, kapt. Wierickx, naar Batavia bestemd, en vroeg om enige kinine. Daar de equipage van het Italiaanse schip te ziek was om een sloep te bemannen, liet kapitein Wierickx een boot te water en voorzag kapitein Ottaggio niet alleen van het gevraagde, doch voegde er ook kaas, brandewijn, vruchten, sigaren en andere verversingen bij, zonder een vergoeding er voor te willen aannemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 12 oktober. Wie zich zondag de 8e oktober op Terschelling bevond, kon getuige zijn van een bijzondere levendigheid onder de bewoners, die zich bijna allen naar de haven hadden begeven. De algemeen geachte P.T. Krul naderde uit zee met het onlangs gestrande schip MERWEDE, dat hij na een onvermoeide arbeid van acht dagen en even zo vele nachten van het strand had weten te brengen.


  JB - Javabode

’s-Gravenhage, 7 september. Naar wij vernemen, is men op ’s Rijks werf te Willemsoord druk bezig het fregatschip ADOLF VAN NASSAU in te richten voor wachtschip, ten einde het oude linieschip KORTENAER te vervangen.


14 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Men meldt ons uit Amsterdam:
Het Nederlandse brikschip GEERTRUIDA CORNELIA, kapt. Wielema, is gisterochtend circa 11 uur van hier door het Noordzeekanaal naar Suriname vertrokken. Het was te 3 uur aan de Noordzeesluizen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 13 oktober. Alhier zijn van de SIRIAN STAR aangebracht ruim 400 vaten petroleum.
Hedenmorgen hebben sleepboten getracht de SIRIAN STAR, af te slepen, doch te vergeefs.
Er worden hier steeds vaten petroleum aangebracht. Een sleepboot en andere vaartuigen zijn nog bij het schip aanwezig.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 11 oktober. Het Nederlands schip NEPTUN, kapt. Keun, van Harlingen naar Söderhamn, is met verstopte pompen en overgeworpen ballast, door het stoomschip TELL alhier binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het alhier (opm: Rotterdam) liggende goed onderhouden Nederlandse barkschip HERCULES, klasse 3.3 G. 1.1., tot 15 april 1878, groot 368 gemeten tonnen, ladende 510 ton deadweight; gebouwd in 1866.
Nadere informatiën bij de cargadoor N.A. van Charante.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 oktober. De scheepvaartbeweging in de Nieuwe Haven alhier neemt belangrijk toe. In de maand augustus kwamen binnen 32 grote schepen met 19.020 kub. meter netto laadruimte, in de maand september 56 schepen met 28.779 kub. meter.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart-Maatschappij Nederland. Het stoomschip PRINSES AMALIA, kapt. E.W. Fabritius, zal de 28e oktober van Nieuwediep naar Padang, Batavia, Samarang en Soerabaija vertrekken.
(opm: bekort; eerste reis na de grote machinereparatie; de PRINSES AMALIA was de 9e oktober van Glasgow te Nieuwediep aangekomen).


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Een gestrand barkschip te koop. Het gestrande barkschip MERWEDE is afgebracht door P.F. Krul en is uit de hand te koop. Het is geheel kopervast, heeft weinig geleden en ligt thans in de haven van Terschelling.
Informatiën te bekomen bij E. Lautenbach te Harlingen en bij de heren Krul & Ruygh te Terschelling.


15 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 oktober. Het gepantserde stoomriviervaartuig ISALA, in aanbouw bij de fabriek De Atlas, is heden in tegenwoordigheid van de Minister van Marine en andere hoge autoriteiten te water gelaten.
Deze vaartuigen worden op een dwarshelling gebouwd; ze zijn lang 48 m. en de grootste breedte is 7,6 m.; een groot deel is overdekt, een soort kazemat met gepantserde zijden vormende. Hun diepgang mag, alles aan boord zijnde, in zoet water niet meer bedragen dan 1,3 meter. De machines moeten 220 ipk ontwikkelen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 oktober. Door de heren A. Hendrichs & Co. alhier is dezer dagen te Liverpool aangekocht het te Kennebunck (Verenigde Staten) in 1875 nieuw gebouwde clipperfregatschip DEFIANT, groot 1.898 Engelse registertonnen, welk schip nu zal varen onder de naam van AMPHITRITE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 14 oktober. Volgens rapport van de vuurtoren is het barkschip SIRIAN STAR door de sleepboten ZUID HOLLAND en HELLEVOETSLUIS vlot gesleept en komen zij er mede herwaarts. Ongeveer 1.000 vaten petroleum zijn alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 14 oktober. In het geheel zijn uit de SIRIAN STAR 654 vaten petroleum geborgen; 350 vaten zijn in lossing en nog verscheidene worden verwacht.


16 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 oktober. Volgens hedenmiddag ontvangen telegram via Soerabaja was het barkschip ZEENYMPH, kapt. Behrens, na een reis van 102 dagen te Macassar aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 13 oktober. Volgens een heden ontvangen telegrafisch bericht is het te Delfzijl te huis behorend kofschip HARMANNA DIJK, kapt. H.S. Wortel, op de reis van Delfzijl naar Riga in de nabijheid van laatstgemelde plaats gestrand en totaal als verloren te beschouwen. Het volk is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 12 oktober. Het de 5e dezer te Riga aangekomen schip GEESSIEN SCHREUDER, kapt. H. van der Leest, had op de reis van hier zwaar stormweder doorgestaan, waardoor het schip lek werd en veel water naar binnen drong.


17 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. Door de directie der Amsterdamsche Kanaalmaatschappij worden zo te Velzen als te Amsterdam grote toebereidselen gemaakt voor de feestviering bij de plechtige opening van de geul in het Noordzeekanaal voor schepen met 5½ meter diepgang. Grote zeeschepen zullen, als alles meeloopt, op de 1e november uitzeilen en binnenvallen en men hoopt, dat Z.M. de Koning de uitnodiging om daarbij tegenwoordig te zijn, zal aannemen.
De beperkte openstelling wordt ook in het buitenland met spanning tegemoet gezien. Men deelt ons mede, dat in de Oostzee reeds 134 schepen liggen met bestemming naar Velzen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Heden werden de monitors HEILIGERLEE en TIJGER, onder bevel van de luitenants ter zee 1e klasse K.W.E. Von Leschen en H.J. van Broekhuyzen, buiten dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 16 oktober. Van de werf Lands Welvaren, toebehorende aan de scheepsbouwmeester J.S. Figee alhier, is heden met goed gevolg te water gelaten het sloepschip DOGGERSBANK, bestemd voor de beugvisserij, voor rekening van een rederij onder directie van de heer B. Jongejan te Pernis, zullende gevoerd worden door stuurman P. Koxs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Volgens bericht uit Amsterdam, in dato 14 oktober, deelden wij mede, dat het brikschip GEERTRUIDA CORNELIA, kapt. Wielema, de vorige ochtend te elf uur van Amsterdam door het Noordzeekanaal naar Suriname vertrokken was en te 3 uur aan de Noordzeesluizen arriveerde.
Wij ontvingen heden, in dato 15 dezer, bericht uit Velzen, dat bovengenoemd schip de Noordzeesluizen niet kon passeren, omdat er geen permissiebiljet was. Daar het schip nu verlof heeft bekomen om bovengemelde sluizen door te varen, zal het met de eerste gunstige wind de reis vervolgen. (Volgens later ontvangen bericht is het schip de 16e in zee gegaan).
(opm: volgens PGC 191076 betreft het de CORNELIA EN GEERTRUIDA, kapt. G.G.A. Wielema).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Volgens bij de rederij ontvangen telegram van Batavia, is het schip SUSANNA JOHANNA, kapt. Van der Valk, aldaar vóór 14 dezer aangekomen, alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 16 oktober. In de Buitengronden is verzeild een Noorse brik, geladen met balken en naar Dordrecht bestemd; bij gunstig weer bestaat er hoop dat het schip vlot zal komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 15 oktober. (Per tel.). Het Nederlands schip GERREDINA WILHELMINA, kapt. Spier, van Amsterdam naar Macassar, is alhier met gebroken roer en verlies van zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 12 oktober. Tot heden zijn uit het wrak van het bij Vlissingen verbrande en bij Rammekens aan de grond gezette stoomschip C.F. FUNCH geborgen; 1056 okshoofden, verse reuzel, 133 dito talk, 26 kisten spek, 3 vaten meel, 7 kisten tabak en ongeveer 100.000 kilo bedorven tarwe.


  AH - Algemeen Handelsblad

De opening van het Noordzeekanaal.
Door de directie van de Amsterdamsche Kanaalmaatschappij worden zo te Velzen als te Amsterdam grote toebereidselen gemaakt, voor de feestviering bij de plechtige opening van de geul in het Noordzeekanaal, voor schepen met 5½ meter diepgang. Grote zeeschepen zullen, als alles meeloopt, op 1 november uitzeilen en binnenvallen en men hoopt dat Z.M. de Koning de uitnodiging, om daarbij tegenwoordig te zijn, zal aannemen. De architect Cuypers is bezig aan de voorbereiding van de tribune, die bij Velzen wordt opgericht; een medaille wordt geslagen ter vereeuwiging van het feit; verder wordt op 1 nov. een feestmaal gegeven in het Paleis voor Volksvlijt, waarbij o.a. de diplomatie zal worden uitgenodigd en in de avond van 2 nov. wordt een slotfeest gevierd. Gelijk men weet, is de opening op 1 nov. slechts van beperkte aard, dat is, als geen onvoorziene omstandigheden, gelijk het werk zolang vertraagd hebben, zich thans voordoen, zal het kanaal alsdan langs een geul in de haven voor schepen met 5½ meter toegankelijk zijn. Aan de eisen van de scheepvaart, zal het dan natuurlijk nog maar ten dele beantwoorden en dat zal ook het geval blijven, wanneer de geul op de laatstelijk bepaalde termijn (1 aug. 1877) voor de grootste zeeschepen bruikbaar zal wezen. Het kanaal zal eerst dan voltooid zijn, als de gehele haven blijvend is opgeleverd op haar volle diepte en breedte en als de verbreding van de doorgraving van Holland geheel tot stand zal zijn gekomen. De Kanaalmaatschappij heeft daartoe de tijd tot 1883.
Dit alles houde men wel in het oog omtrent de betekenis van het feest op 1 november. Wat dan gevierd wordt, is niet de voltooiing van het Noordzeekanaal, waarlangs schepen in 3 uur tijd uit zee voor Amsterdam kunnen komen, maar het feit dat het Kanaal in gebruik wordt gesteld voor een zeer aanzienlijk deel van onze koopvaardijvloot, in zover dit langs een geul mogelijk is. Het ware verblinding zich daarvan een schitterender voorstelling te maken. Reeds die beperkte openstelling echter is voor Amsterdam een gebeurtenis van groot gewicht, welke ook van gemeentewege en vanwege de burgerij niet onopgemerkt mag en zeker niet zal worden voorbijgaan, Dit eerste succes strekke vooral tot aansporing om met kracht het kolossale werk voort te zetten en desnoods nog meer offers te brengen, opdat het kanaal en zijn haven te allen tijde en bij alle winden toegankelijk en veilig zij. Zo alleen kunnen wij ons bewaken voor een bittere teleurstelling en voorkomen, dat het Kanaal in de vreemde in diskrediet geraakt.


18 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 17 oktober. De in de Buitengronden verzeilde Noorse brik NOR, is vlot en zou waarschijnlijk naar Terschelling gaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Christiansand, 16 oktober. Het schip ALBERTJE HESSELING, van Riga naar Manchester, met hout beladen, is op de lading drijvende en met verlies van beide masten in Arendal binnengelopen.
(opm: zie ook NRC 231076)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 oktober. De Nederlandse kof JACOBA CORNELIA, kapt. Pekelaer (opm: kapt. G.D. Pekelder), van Leith met koolteer, geraakte hedenmiddag bij Hammermühle aan de grond en zit een voet geboeid, zodat het noodzakelijk is het schip te lossen om vlot te komen, waarmede men een aanvang heeft gemaakt. De bergingstoomboot DROGDEN verleent assistentie.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Reval, 13 oktober. Het schip CONCURRENT, kapt. Meijer, van Newcastle naar Nerva, is de 11e dezer in de nabijheid van Eckholm gestrand en wrak geworden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 17 oktober. De vraag naar scheepsruimte was ook heden van bijna geen betekenis. Een enkel schip, ladende ongeveer 1.400 quarters haver, werd gecharterd voor het kanaal van Bristol tegen Sh.16/- per 10 quarters.


  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op de 1e november aanstaande zal te Soerabaija publiek worden verkocht het gekoperde en kopervaste schip MARIA, gemeten 1.165 tonnen.
P. Landberg & Zoon.


19 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 15 oktober. Het kofschip JACOBA CORNELIA, kapt. Pekelder, bij Hammermühle aan de grond geraakt, is gisteravond vlot gekomen en heeft de geloste lading weer ingenomen. Er was van de lading opgepompt geworden. Het schip is dicht gebleven en zal de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. John, (P.R.), 25 september. Het schip CATO ANNETTE, kapt. Beekman, te Palmas Atlas, ongeveer 6 mijlen van hier, tabak ladende, vóór het begin van de orkaan van 12 september naar zee vertrokken, is de 23e alhier binnengelopen met verlies van zeilen en anker, benevens andere schade. Het schip zal nagezien worden.


20 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer, 18 oktober. Heden is van de werf van de scheepsbouwmeester P. Boele Pzn. met goed gevolg te water gelaten de ijzeren sleepkaan VOORUITGANG, groot circa 325 last, gebouwd voor rekening van de heren Gustaaf Fasbender en Joseph Meudt te Millingen, en is daarop de kiel gelegd van een ijzeren sleepkaan, groot circa 240 last, te bouwen voor rekening van de heer Jacob Fink te Bröhl am Rhein.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 oktober. Sedert enige weken oefent het personeel van het loodswezen zich in het Noordzeekanaal, de Noordzeehaven en daar buiten, om na de openstelling van haven en kanaal op 1 november e.k. de loodsdienst te kunnen waarnemen. Omtrent bebakening, betonning en verlichting is de Kanaalmaatschappij met het Departement van Marine in onderhandeling.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 19 oktober. Het Engelse stoomschip GREBE, van Liverpool naar Antwerpen, is deze nacht bij Vlissingen, in aanvaring gekomen met het voor anker liggende Belgische stoomschip SWITZERLAND. De GREBE bekwam een gat in de zijde en is onmiddellijk naar de wal gestoomd, doch ongeveer een paar uur later door het wegvallen van het water van de oever afgeschoven en gezonken. Een man is daarbij verdronken. De SWITZERLAND heeft schade, doch zet de reis naar Antwerpen voort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 19 oktober. Het Noorse schip NOR, kapt. Tweton, met hout naar Dordrecht bestemd, is, na op de Buitengronden te hebben gezeten, zwaar lek te Terschelling binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 oktober. Het schip WILLEM VAN DER VOORT, kapt. Jaski, van Amsterdam naar de Zwarte Zee, is met onklare pompen uit zee teruggekomen. Het schip moet lossen en zal nagezien worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 18 oktober. Het schip REINTJEDINA, van Stettin naar Zwolle, met eikenhout geladen, is bij Falsterbö aan de grond geweest en lek geworden; het moet lossen om te repareren.


21 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 20 oktober. Op de Steenendam is een Nederlands kofschip met hout beladen, aan de grond geraakt, doch met assistentie van vletterlieden weder vlot gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Koningsbergen 14 oktober. Scheepsvrachten. In scheepsbevrachtingen was het deze week tamelijk levendig; voor zeilschepen bewilligde men de volgende koersen: naar Oldenburg (stad) 33 Mark per 4300 pond rogge; naar Stolpemünde en Stettin 17 Mark, Stralsund 20 Mark, beide per 4520 Engelse Pond rogge; naar Stockholm en Norrköping 24 Mark, naar Lübeck, Rostock in ’t Hertogdom 22 à 24 Mark, naar Rendsburg 27 Mark, naar Oost-Noorwegen 22 à 26 Mark, alles per 5.000 Engelse Pond rogge; naar Berwick Sh.2/6, Noord-Frankrijk Sh.3/, Rouaan Sh.3/6, naar Bristol voor een schip van 120 last Sh.3/, alles per 500 Engelse Pond tarwe. Stoombootvrachten ondergingen ook een verhoging, o.a. werd naar Amsterdam gedaan tot 28 NLG per 2.400 kilo tarwe.


  JB - Javabode

Batavia, 21 oktober. Het Nederlands-Indische stoomschip ARDJOENO, kapt. Meijer, onlangs alhier van Soerabaija gearriveerd, is heden van hier naar Atjeh vertrokken. (opm: deze sleepboot was gehuurd door het Gouvernement voor dienst in de wateren van Atjeh).


22 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 19 oktober. Volgens brief van kapt. Karsies, kofschip AURORA, was hij 2 oktober van Drammen vertrokken en door aanhoudende storm en tegenwind, genoodzaakt 11 oktober te Arendal als noodhaven binnen te lopen; hij schrijft: hier liggen thans 15 schepen; aan boord is alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 oktober. De kof, welke gisterenavond op de stenen kust heeft gestoten (in ons vorig nummer vermeldt), is de TREKVOGEL, gezagvoerder Freeze, met palen van Arendal naar Harlingen bestemd. Het schip ligt bij de vuurtoren ten anker en is lek.


23 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 20 september. Vrachten. Gedurende de laatste 14 dagen kwam er weinig verandering in onze markt. Handige schepen bleven goede vraag genieten en werd voor suiker naar het Kanaal GBP 3.5/- voor vaartuigen van ongeveer 400 ton betaald. Naar Nederland bleven de koersen onveranderd, zowel wat Gouvernementskoffie als suiker betreft. Naar Amerika hadden twee afdoeningen tot geheime koersen plaats. Naar Australië bestaat goede vraag tot GBP 1.10/-. De laatste afdoeningen zijn: de Nederlandse BATAVIA à NLG 75 voor 7.500 pic. koffie uit de Oosthoek naar Amsterdam; de Nederlandse JAVA PACKET à NLG 75 voor 7.500 pic. koffie, NLG 60 suiker, NLG 55 tabak naar Amsterdam; de Nederlandse JOHANNA MARIA, à NLG 75 voor 7.500 pic. koffie, NLG 60 suiker, naar Amsterdam; het Nederlandse stoomschip JAVA à NLG 45 particulier tin, NLG 65 suiker, NLG 75 koffie en tabak naar Nieuwe Diep; de Nederlandse GESIENA MARIA, vracht geheim, te laden van Cheribon en Batavia naar Amsterdam.
Onbevrachte Nederlandse schepen op Java: LOURENS COSTER, JONGE JAN, PRINSES AMALIA, ALBLASSERDAM, WESTERSCHELDE, ADMIRAAL DE RUYTER, ZES GEZUSTERS, SLAMAT, CORNELIA, ARY SCHEFFER, MR. JACOB VAN LENNEP en GEBROEDERS VAN DER BEEK.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hull, 20 oktober. De gezagvoerder van het schip HEVELIUS, alhier van Danzig aangekomen, rapporteert het verlaten en masteloze schip ALBERTJE HESSELING de 15e oktober 22 Engelse mijlen ten ZO van Turringen aangetroffen te hebben. Na het 18 Engelse mijlen gesleept te hebben brak de sleeptros en vervolgde hij de reis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 22 oktober. De op de Haaks gestrande schoener JURGEN RING, en niet IRNGERING zoals gisteren gemeld, is vol water. Een gedeelte der lading gerst is geborgen.


24 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 23 oktober. Het schip MARGARITHA, kapt. Kappen, van Hernösand, is met gebroken kluiverboom, ontzet voorschip, ingedrongen boegspriet en vol water alhier binnengesleept, zijnde in aanzeiling geweest met het schip HOOITE WIGCHER, kapt. Klaassen, van St. Petersburg, welke laatste een gat in de stuurboordverschansing en een gat onder de rust bekwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 23 oktober. Het Deense schip TALETTA, kapt. Groenewold, van Memel naar Amsterdam, is op Terschelling gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 20 oktober. Er is een overeenkomst tot lossing aangegaan van de Noorse brik NOR, kapt. Toetan, voor NLG 135. Het schip is zeer oud en zwaar lek, zodat het te bezien staat, of het de reis zal kunnen vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping ter Terschelling ten overstaan van notaris S. Brons Boldingh op vrijdag 3 november 1876, ’s avonds 7 uur, van het afgebrachte kopervaste barkschip MERWEDE. Het schip heeft weinig geleden en ligt thans in de haven van Terschelling.
Informatiën zijn te bekomen bij de heren Krul en Ruijgh, te Terschelling.


25 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. Tot bevordering van de geregelde paketvaart tussen Java en Australië heeft de regering opnieuw een subsidie van NLG 100.000 aangevraagd; door het parlement te Adelaide is daarvoor reeds een gelijk bedrag aan de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij toegestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. Bij de regering bestaat het voornemen om de regeling, welke ten vorigen jare met de Stoomvaart-Maatschappij Nederland is getroffen voor een regelmatige vaart om de vier weken of om de maand tussen Nederland en Indië via Napels, toe te passen op een driewekelijkse dienst, zowel uit Nederland als uit Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 oktober. Het schip TREKVOGEL, kapt. Freeze, is na op het Steenen Hoofd gezeten te hebben, alhier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 oktober. Het Duitse galjootschip TRIENTJE, kapt. Eckhoff, van Middlesbro naar Brake, is gisteren op Ameland gestrand en zal waarschijnlijk wrak worden. De lading, bestaande uit piekijzer en einders is verloren, doch de equipage gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 oktober. Het schip JURGEN RING, kapt. Fisker, in de Noorder Haaks gestrand, is, na gedeeltelijk in schuiten gelost te hebben, vlot en hier binnengebracht. Het schip is dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Padang, 31 augustus. De lekkage aan boord van het schip ORTELIUS, kapt. Duinker, heeft opgehouden.


  JB - Javabode

Batavia, 25 oktober. Blijkens een van de resident van Batavia ontvangen bericht is op de 18e dezer, des avonds te 20.15 uur, in volle zee brand ontstaan in het voorschip (volkslogies) van de stomer MERAPI, toebehorende aan de Nederlandsch-Indische Stoomvaart Maatschappij, gezagvoerder G.J.W. Beekhuis, op de reis van Tjilatjap naar Batavia. Verscheiden passagiers, die zonder voorkennis van de gezagvoerder in een sloep hadden plaats genomen, zijn in zee gevallen ten gevolge van het ontijdig losmaken van de voortakels dier sloep. Alle aangewende pogingen om hen te redden zijn zonder gunstig gevolg gebleven. Volgens het praairapport zijn bij de ramp 13 passagiers omgekomen.
Veel schade is niet veroorzaakt, alleen het volkslogies is uitgebrand. De kalmte van kapt. Beekhuis, de doeltreffende maatregelen, door hem genomen en verordend, en de goede staat, waarin de blusmiddelen, vooral de stoombrandspuit, die binnen twee minuten werkte, zich bevonden, hebben vaartuig, bemanning en overige passagiers gered. De MERAPI is de 20e dezer te Batavia aangekomen.


26 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 oktober. Gisteren is aan de Minister van Financiën een adres van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij en vele andere reders, handelaren, cargadoors, enz. verzonden, met het verzoek, dat ook te Amsterdam gelegenheid wordt gegeven tot in- en uitklaren van de schepen, die langs het Noordzeekanaal aankomen of vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockton, 23 oktober. De Nederlandse schoener EBEN-HAEZER, kapt. Klunder, van Danzig, geraakte hedenochtend bij het opslepen van de rivier bij ebgetijde aan de grond en zal eerst
hedenavond met vloed vlot komen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 23 oktober. Het schip ALIDA, kapt. Albers, is bij het binnenslepen met de Loodskotter No.2, die uitging, in aanvaring geweest, waardoor laatstgenoemd vaartuig de bezaansmast brak.


28 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 26 oktober. Heden is van de werf toebehorende aan de scheepsbouwmeester W. v.d. Windt met goed gevolg te water gelaten het sloepschip DE EENDRAGT, voor rekening van de erven W. Horschman te Pernis, zullende gevoerd worden door stuurman A. v.d. Steen, bestemd voor de beugvisserij; en onmiddellijk daarna de kiel gelegd voor een dergelijk vaartuig, voor rekening van de heren H.W. Croes & Co., te Brielle, zullende genaamd worden SUSANNA MARIA CATHARINA en gevoerd door stuurman A. 't Hart.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 27 oktober. De vraag naar scheepsruimte blijft voortdurend zeer gering en de vrachtkoersen laag. Een enkel scheepje werd deze week gecharterd tegen Sh.8/- voor de kolenhavens aan de Oostkust of Sh.16/- voor het kanaal van Bristol.


  JB - Javabode

Advertentie. Stoomvaartreederij Banda. Maandelijkse lijn tussen Soerabaija en Palmerston,
Britsch Zuid-Australische maildienst.
Vertrekdagen.
Van Soerabaija Van Port Darwin
3 november 1876 15 november 1876
1 december 1876 15 december 1876
en aldus verder de eerste en vijftiende dag van elke maand.
Passagetarief
1ste klasse NLG 150,- 2de klasse NLG 100,-
Retour NLG 250,- Retour NLG 187,50
Wijn en bier inbegrepen NLG 25,- meer.
Inlanders (dekpassagiers) voor hun voeding zelf zorgende NLG 20,50 per reis.
Voeding inbegrepen NLG 31,25.
Vrachtprijzen.
Per ton van vijftien picols NLG 31,25. Zware goederen worden bij gewicht, lichte goederen per maat berekend.
De tussengelegen havens Bali Boleleng, Bali Ampenan, Sumbawa, Koepang, Dilly, Rotti. Savoe, Soemba zullen, bij afwisseling worden aangedaan. Telken reize zullen bij afzonderlijke advertentie de te bezoeken plaatsen worden opgegeven. Bima, het voor de dienst aangewezen tussenstation wordt berekend op de helft der afstandlijn te zijn gelegen. De passage- en vrachtprijzen voor de tussengelegen plaatsen regelen zich alzo naarmate deze oost- of westwaarts van Bima zijn gelegen, zodat van Boleleng naar Darwin dezelfde prijzen gelden als die van Soerabaija naar Darwin en omgekeerd. Omtrent de passage- en vrachtprijzen der tussengelegen havens onderling behoort afzonderlijk te worden overeengekomen.
Agenten te Soerabaija: De Internationale Crediet en Handelsvereeniging Rotterdam.
Palmerston: de Heren M.J. Solomon & Co.
Soerabaija, 19 oktober 1876, de boekhouder, P.C.L. Hartog.
De 3e november 1876, des voormiddags ten 10 ure, vertrek van het stoomschip EGERON, gezagvoerder F. Pot, via Boleleng, Ampenan, Bima en Koepang naar Port Darwin. – Vertrek van Palmerston naar Soerabaija 15 november a.s. via Rotti, Bima en Boleleng.
Passage en doorvracht naar Cooktown, Newcastle, Sydney, Melbourne en Adelaïde per Australische kuststomers, kunnen bij de agenten worden besproken.


29 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfshaven, 27 oktober. Heden is met goed gevolg te water gelaten van de werf van Gebr. Van de Wetering het schoenersloepschip POLLUX, voor rekening van de Maatschappij tot Exploitatie van Zeevisscherij Neptunus, gevestigd te Nieuwediep.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lowestoft, 26 oktober. Het kofschip DINA ADRIANA, kapt. Kwint, van Rotterdam naar Sunderland, is alhier met gebroken bezaansmast binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 23 oktober. Het schip CONCURRENT, kapt. Meijer (opm: mogelijk buitenlander), van Newcastle naar Nerva, de 13e oktober bij Panrisboe gestrand, is zonder assistentie vlot gekomen. doch naderhand gezonken. De equipage is gered, doch schip en lading zijn geheel verloren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Opening van het Noordzeekanaal op1 november a.s. Bij gelegenheid der feestelijke opening van het Noordzeekanaal zal de schroefstoomboot AREND HENDRIK een extra reis maken. Vertrek van Amsterdam van de steiger naar het stadswater-kantoor te half negen precies. Vracht heen en terug NLG 1,-.
Bij de terugtocht zal de boot zich aansluiten achter boten die het gevolg van Zijne Majesteit de Koning naar Amsterdam zullen vergezellen. Kaartjes worden tot een beperkt aantal afgegeven en zijn verkrijgbaar op maandag 30 en dinsdag 31 oktober bij de heer K.J. Karstens, Lemster veerhuis, tegenover de ligplaats. De gewone afvaart te drie uur van Amsterdam vertrekt die dag later.


30 oktober 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 27 oktober. Kapt. Nieuwenhuis, voerende het schip CORNELIA, hier binnen, rapporteert veel slecht weder op zijn reis van Frederikstad te hebben ondervonden, waarbij hij de kluiverboom en bramsteng verloor.


31 oktober 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veiling van schepen te Zwolle op dinsdag 24 oktober: Het schoener-galjootschip BURGEMEESTER VAN SETTEN, groot 114 tonnen, gebouwd in 1856. NLG 2.000. Verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 oktober. In de afgelopen nacht is een sleepboot, door de Kanaalmaatschappij aangekocht, het Noordzeekanaal binnengevallen om voorlopig in de sleepdienst tussen de zee en de sluizen te voorzien.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping te Terschelling, op donderdag de 9e november 1976, ten onderstaan van de notaris S. Brons Boldingh, van het wrak van het Noord-Duitse kofschip TALETTA, gekomen te Memel en bestemd naar Amsterdam, met deszelfs geborgen inventaris, bestaande in ankers, kettingen, zeilen, touwwerk, enz.; alsmede van de geborgen lading, bestaande in plm. 2.500 planken. Informatiën zijn te bekomen bij de heer P.T. Krul, scheepsagent te Terschelling.


01 november 1876


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dantzig 23 september. Scheepsvrachten. In houtvrachten was het gedurende de laatste 14 dagen bij een groot ruimte-aanbod en toenemende vraag recht levendig, wat in de meeste gevallen tot iets betere koersen leidde. Naar stoom- zowel zeilschepen voor graan-exportatie was mede goede vraag; per stoomschip werd gedaan naar Antwerpen en Rotterdam tot Sh.2/6 à 2/9 per 500 Engelse Pond tarwe; per zeilschip naar Kolenhavens Sh.1/9½ à 2/, Londen Sh.2/3 à 2/6 per quarter tarwe; naar Lübeck 19 à 20 Mark, Flensburg 20 Mark, Stade 26 Mark, per 5.000 Engelse Pond zaad; Stockholm 19 Mark per 5.000 Engelse Pond raapkoeken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Riga, 27 september. Scheepsvrachten. Gesloten is naar Harlingen tot 23 c. per oude Amsterdamse voet hollandse kapbalken, 19 NLG per last van 80 kub. voet plankhout; Rotterdam 1.75 NLG, Gent Bfrs.3¼ en Duinkerken 3 Ffrs. per ton zaailijnzaad; Honfleur Ffrs.68 en 5%, Hartlepool Sh.46/ à 48/, Grangemouth Sh.48/ per stand. planken, Sh.16/ à 17/ per load timmerhout; Granton Sh.15/ per load sleepers; Londonderry Sh.3/3, Belfast Sh.3/6 per ton zaailijnzaad; Leer 19 NLG per last van 80 kub. voet. muurlatten; Gotenburg 32 Kronen per last vlas.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 28 oktober. Kapt. Kruizinga, voerende de Nederlandse tjalk REINA, bericht het volgende: In de maand juli j.l. bevond ik mij met mijn schip in de grote Bilt (Noordzee). Overvallen door een felle storm uit het Noord-Westen, sloeg ik, bij het aanslaan van het tweede rif in het grootzeil, overboord. Mijn knecht en vrouw trachten het schip door de wind te krijgen, dat ook gelukte. Zij zagen nu en dan mijn hoofd nog boven water, maar ik achtte mij verloren, omdat ik niet kon zwemmen. Zij wierpen mij op goed geluk een touw toe; ik zag dit en riep: ’O, God, help mij!’ Hierop werd ik, als het ware uit het water opgeheven en greep ik het touw, waarmede ik mijn leven redde. Met dit alles was wel een half uur verlopen. Deze wonderbare redding noopt mij dit openlijk hier te vermelden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. K.M. Ei, van Onstwedde, voerende het galjootschip AMALIA SINNIGE, heeft met vrouw en vier kinderen, benevens de overige bemanning, zijn graf in de golven gevonden. Het schip was d.d. 15 mei j.l. van Bremerhaven naar Runcorn vertrokken.


02 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het Nederlands schip VIER GEBROEDERS, kapt. Van der Zee, is hedenochtend te 8½ uur van hier vertrokken, om door het Noordzeekanaal naar Soerabaja te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het Nederlands schip HOLLANDIA, kapt. Van de Velde, van Moulmain met zware schade te Kaapstad aangekomen, is wegens te hoge reparatiekosten afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het stoomschip DE HOORN, van Hoorn naar Rotterdam, in de Zuiderzee gezonken, is gelicht en te Hoorn binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 1 november. De Franse schoener POULIGUEN zit hoog op strand. Het schip is gebroken. De inventaris en de lading, die geheel nat is, wordt aan wal geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 1 november. Volgens rapport ligt bij de vuurtoren van Noord Schouwen een schoener met noodvlaggen op voor een sleepboot. De ZUID HOLLAND is onmiddellijk derwaarts gestoomd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 30 oktober. De Noorse brik NOR is bij nader onderzoek afgekeurd daar het schip in de Buitengronden zozeer heeft geleden, dat bijna alle dekbalken gebroken zijn en het geen reparatie waard is. Daarom wordt het afgetuigd om eerlang als wrak verkocht te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bahia, 7 oktober. Het Nederlands schip AUGUSTA, kapt. Lange, van Shields naar Atchin, met gebroken mast alhier binnen, is nagezien en zal een gedeelte van de lading lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoutkamp, 30 oktober. De Nederlandse schepen EPPIENA, kapt. Leeuw en AFIEN NIENHUIS, kapt. Lutter, van Noorwegen naar Delfzijl, zullen beide de lading hier lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 30 oktober. Het schoenerschip JASON, van Dordrecht naar Zweden bestemd, is de 17e dezer in de Noordzee in zinkende staat door de equipage verlaten, die door kapt. Oltmans voerende het schip BERTHA, gered en zaterdag jl. alhier aangebracht is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden de 1e november 1876, ten verzoeke van Maria Louisa Bieornstahl, echtgenote van Jan van Schoone, wonende te Rotterdam, heb ik George Christoph Stoeller, deurwaarder bij de arrondissementsrechtbank te Rotterdam, voor de te maal gedagvaard Jan van Schoone voornoemd, zeevarende, laatst gewoond hebbende te Rotterdam, om op maandag de 19e februari 1876, des voormiddags te elf uur, te verschijnen of iemand van zijnentwege te doen verschijnen ter terechtzitting van de arrondissementsrechtbank ter Rotterdam, ten einde:
- Aangezien de eiseres met de gedaagde d.d. 17 oktober 1855 te Rotterdam is gehuwd:
- Aangezien de gedaagde als gezagvoerder op het Nederlandse schoenerschip VRIENDSCHAP, in de maand oktober 1867 van Hellevoetsluis is uitgezeild naar Nantes:
- Aangezien genoemd schip 23 november 1867 van Nantes is vertrokken en de daarop volgende dag nog van Saint-Nazaire bericht van hetzelve is ontvangen, doch sedert van die bodem en van de bemanning geen enkele tijding meer is ingekomen, zodat moet worden aangenomen dat bedoeld schip met man en muis is vergaan:
- Aangezien er sedert meer dan 3 jaar zijn verlopen en de eiseres als echtgenote belang heeft om een verklaring van vermoedelijk overlijden aan te vragen en vergunning om een ander huwelijk aan te gaan:
Mitsdien aan gemelde rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken, de gedaagde tevens aanzeggende dat indien noch hij, noch iemand van zijnentwege op deze dagvaarding mocht opkomen, namens de eiseres zal worden geconcludeerd dat haar daarvan zal worden verleend akte en verlof tot het doen van een 3e dergelijke dagvaarding, met reserve van de kosten tot aan de einduitspraak.
G.C. Stoeller
(opm: bekort)


  JB - Javabode

Batavia, 2 november. Een onderzoek door de politie ingesteld naar de oorzaak van de brand aan boord van de stomer MERAPI heeft aan het licht gebracht, dat die brand is ontstaan door onvoorzichtigheid van de djoeroemoedie Landap, die deswege voor de politierechter zal terechtstaan.


03 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 november. Ter gelegenheid van het kanaalfeest was gisteren te Amsterdam een illuminatie ontstoken. Daaronder muntten uit die aan het stadhuis, het kantoor van de Kanaalmaatschappij, de Nederlandsche Bank, de Handelmaatschappij en verder de woningen van alle directeuren en commissarissen van de feestgevende en feestvierende maatschappij, die schitterend waren verlicht. Onderscheiden stoommaatschappijen, het huis des burgmeesters, Zeemanshoop, het Zeemanshuis, de fabriek van Van der Made, alsook het bureel van het Handelsblad, waren van sierlijke illuminaties voorzien, en duizenden bewogen zich in de straten om een kijkje te nemen, ook bij de verlichtingen van kleinere afmetingen, door particulieren. Het vuurwerk, dat te 10 uur op het IJ voor de Nieuwebrug werd afgestoken, voldeed bijzonder en een daverend hoezee klonk uit duizenden kelen toen het slotstuk in schitterende kleuren een schip vertoonde met de Nederlandse vlag in top.
Hedenavond wordt in het Paleis voor Volksvlijt een soiree gegeven.
Het eerste schip, dat gisteren na de plechtige opening van het Noordzeekanaal van de nieuwe waterweg gebruik maakte, was het Nederlandse stoomschip REMBRANDT, gevoerd door kapt. L.W. Binkhorst en behorende aan de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden, de 1e november 1876, ten verzoeke van Kornelia van Dorp, zonder beroep, wonende te Delfshaven, huisvrouw van Dirk Verschoor, heb ik Johannes Brakkee, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, voor de eerste maal gedagvaard Dirk Verschoor voornoemd, kok, gewoond hebbende te Delfshaven, om op maandag de 19e februari 1877 te verschijnen ter terechtzitting van de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, ten einde:
- aangezien de eiseres met de gedaagde d.d. 19 januari 1859 te Vlaardingen is gehuwd.
- aangezien de gedaagde op de 12e september 1872 te Delfshaven is aangemonsterd als kok op het Nederlands galjootschip TEELKINA MEISKINA, schipper Tammo Fokkes Nieuwold, voor een reis van Delfshaven naar zee op avontuur en terug te komen op een Nederlandse haven.
- aangezien genoemd schip zijn reis vervolgende, op de 6e november 1872 van Bolderaa is gezeild naar Harlingen en er sedert die dagtekening nooit meer iets van dat schip, noch van de bemanning, waartoe de gedaagde behoorde, is vernomen, zodat moet worden aangenomen, dat die bodem in de nabijheid van het eiland Møn met man en muis is vergaan.
- aangezien er sedert meer dan drie jaren zijn verlopen, en de eiseres vergunning wenst om een andere huwelijk aan te gaan.
Mitsdien aan gemelde Rechtbank van zijn aanwezen te doen blijken
J. Brakkee, deurwaarder. (opm: sterk bekort)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 1 november. Het Nederlandse schip JELTINA, kapt. Boer, van Sundsvall naar Delfzijl, is alhier met verlies van boegspriet en een gedeelte van het tuig binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Goedereede, 1 november. Gisteren nacht strandde alhier het schoenerschip POULIGUEN, kapt. Monfort, met een lading tarwe van Nantes bestemd naar Rotterdam. De equipage heeft zich met moeite gered, het schip zal vermoedelijk wrak worden. De tuigage is reeds geborgen en bij enigszins gunstig weer zal men zo veel mogelijk van de lading trachten te bergen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 31 oktober. Gisteren namiddag liep het brikschip NIMROD, kapt. B. Geertsema, gesleept wordende door de stoomboot WERKENDAM II, met de boegspriet in het tuig van het in de geul (bij de 2e dukdalf) gemeerd liggende kofschip NOOIT GEDACHT, kap. H. Ohlsen, waardoor laatstgenoemd schip nogal enige schade, zowel aan de romp als aan het tuig bekwam. De NIMROD bekwam slechts weinig schade. Diezelfde morgen kwam ook de CATHARINA, kapt. Arkema, met gemeld schip in aanraking, doch geen van beiden bekwam schade.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 31 oktober. Tot dusverre is nog nimmer gewag gemaakt van een dok, verbonden aan het Groot Scheepvaartkanaal (opm: Eemskanaal), zich bevindende even binnen de doorvaartsluis te Farmsum, ten einde schepen in winterlaag een veilige plaats aan te bieden. Het dok kan een 100tal schepen een plaats verschaffen. Op het ogenblik bevinden zich in het dok drie schepen, als: SYNE JACOBS, kapt. Bloupot, CONCORDIA, kapt. De Groot en CORNELIA, kapt. Nieuwenhuis (de eerste reeds in winterlaag, de beide laatste nog ter ontlading). Het is aan geen twijfel onderhevig, of vele schepen, die hier moeten opleggen of elders zulks willen doen, zullen van het dok een gretig gebruik maken; want de schepen liggen aldaar geheel beveiligd van het vuur van schepen of huizen, wijl schepen, waarop men des winters huisvesting houdt, in de haven blijven liggen.
Weldra zal het aantal schepen in het dok wel vergroot worden, want bijna alle schepen, alhier in de laatste acht dagen – een veertigtal – aangekomen, nemen het tuigage af en leggen op. Hoewel het voor velen nog te vroeg is, besluiten zij er toe, omdat de vrachten te laag en de lonen van het volk naar verhouding daarvan te hoog zijn.
Delfzijl (1911), Eemskanaal met dok
De werkzaamheden in de haven alhier vorderen zeer goed. Thans zijn er twee stoombaggermachines in de haven in werking, die per dag een enorme massa slijk ophalen en in pramen werpen. Zodra zij vol zijn, werpt de bemanning van de stoomboot WERKENDAM II een lijn over en sleept de vaartuigen vervolgens naar buiten ter ontlossing. Een kunstmatig toestel ontdoet de pramen buiten van het slijk, drijvende alsdan op lucht-kisten. De haven laat nog veel te wensen over, want bijna dagelijks ziet men schepen, zowel op de Noord- als Zuidwal, aan de grond. Velen zijn alsdan verplicht een gedeelte van de lading op stroom te lossen. Waarom verschaft men de schepen geen ruimer traject van invaart op behoorlijke diepte bij vloed?


04 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Het wrak van de Belgische stoomboot C.F. FUNCK, te Rammekens nabij Vlissingen gezonken, is te koop. Aanbiedingen zende men vóór 15 november1876 aan de heer Ed. van Peborgh, agent der assuradeurs, Rue Pruynen 6, Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Een aandeelhouder in het clipperfregatschip LAURENS COSTER, onder boekhouderschap van Van Zeylen & Decker, kantoorhoudende te Rotterdam en Middelburg, vraagt wat de reden is dat hij sedert 30 oktober 1873, zoals hun circulaire aanduidt, niets meer van dat schip hoort, daar toch volgens artikel 2 van het rederijcontract de boekhouders verplicht zijn van iedere reis rekening en verantwoording te doen.
Een aandeelhouder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november. Het Nederlands schip GERRIT EN WILLEM, kapt. Visser, 30 oktober te Sandyhook aangekomen, is volgens particulier bericht, bevracht om te Charleston katoen te gaan laden voor het continent.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 1 november. Een kof is verlaten in zee drijvende gezien; het schip was blauw geschilderd; er komt veel hout, voornamelijk balken, aanspoelen. Ook de loodskotter is met schade uit zee teruggekeerd.


05 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Genua, 31 oktober. Het stoomschip IRENE, 29 oktober te Livorno aangekomen, had op sleeptouw de Italiaanse kotter CONCEZIONI, kapt. Massabo, van Oneglia, waarmee het stoomschip in aanvaring was geweest; de kotter had schade aan de grote mast.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Terschelling ten overstaan van notaris S. Brons Boldingh op vrijdag 10 november 1876, ’s morgens te tien uur, van het Noorse brikschip NOR, gevoerd bij kapt. H.R. Tvetan, benevens de volledige inventaris van dat schip, bestaande in: ankers, kettingen, zeilen, trossen, staand en lopend touwwerk, sloepen, watervaten en hetgeen verder gepresenteerd zal worden. Informatiën zijn te bekomen bij de heer P.T. Krul, scheepsagent te Terschelling.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Aan de aandeelhouder in het fregatschip LAURENS COSTER wordt kennis gegeven dat aan ons kantoor te Rotterdam alle inlichtingen worden verschaft, welke voor een belanghebbende nuttig kunnen zijn. Wij achten ons echter niet verplicht van anoniem schrijven notitie te nemen.
Van Zeylen & Decker


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Die nog iets te vorderen hebben van het op de 25e juli jongsleden te Rotterdam in publieke veiling verkochte clipperschip KOSMOPOLIET II, laatst gevoerd door kapt. T. Huizer, worden verzocht uiterlijk vóór de 30e november e.k. daarvan opgave te doen ten kantore van de reders de heren Gebroeders Blussé te Dordrecht.
Een extra goede chronometer, afkomstig van bovengenoemd schip, is nog uit de hand te koop, te bezichtigen en te bevragen bij de heren A.C. Zoethout & Zoon, te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Terschelling, ten overstaan van de notaris S. Brons Boldingh, op vrijdag 10 november 1876, 's morgens te 10 uur, van het Noorse brikschip NOR, gevoerd geweest bij kapt. H.R. Tvetan, benevens de volledige inventaris van dat schip, bestaande in: Ankers, kettingen, zeilen, trossen, staand en lopend touwwerk, sloepen, watervaten en hetgeen verder gepresenteerd zal worden.
Informaties zijn te bekomen bij de heer P.T. Krul, scheepsagent te Terschelling.


06 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 4 november. Ten gevolge van de concurrentie, haar dadelijk aangedaan door de Engelse Maatschappij, die boten in de vaart heeft tussen Harlingen en Londen, heeft de Engelse onderneming, die een paar maal een kleine stoomboot rechtstreeks op hier heeft doen varen, reeds weer de dienst gestaakt. Of een eigen, Nederlandse dienst zal tot stand komen? Nog steeds ziet men verlangend uit naar de verdere handelingen van de Fries-Groningse commissie, die verleden jaar te dier zake te Buitenpost is bijeen geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pamakassan, 7 september. Heden ochtend deelde men ons mede, dat het aan Z.H. de Panembahan van Sumanap toebehorende schip SIE SOPHIE door zeerovers geheel leeggeplunderd en daarna verbrand is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 november. Het Nederlandse stoomschip BANANA lag de 4e september te St. Paul de Loando.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 november. De vraag naar scheepsruimte voor Engeland blijft voortdurend zeer gering. Een enkel schip werd dezer dagen gecharterd voor de kolenhavens aan de oostkust tegen de vorige vracht, n.l. Sh.8/- per 10 quarters haver.


07 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het schip STRATHMORE, van Rangoon naar Cochin, is op Buroo-eiland, bij Atchin, gestrand.
(opm: zie JB 040576)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 4 november. Het Nederlandse stoomschip JUNO, van Kroonstad met rogge naar Rotterdam, is met overgeworpen lading en schade aan de machine alhier binnengelopen en in de nieuwe haven gehaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre 2 november. Volgens bericht uit Sierra Leona, in dato 9 oktober, is het schip RAPHAEL, kapt. Jego (opm: buitenlander), 2 september van daar naar Marseille vertrokken, op de Westkust van Afrika verongelukt. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 22 september. Volgens rapport van kapt. Wierickx gez. van het hier aangekomen Nederlandse schip LIBERAAL, is de 18 dezer op Java’s eerste punt een Eng. bark gestrand.
Anjer, 25 september. Kapt. Ouwehand, voerende het Nederlandse fregatschip OTTOLINA, alhier van Rotterdam gepasseerd naar Batavia, de Oostenrijkse bark UGO op het Brouwers eiland te hebben zien zitten. De equipage van bovengenoemd schip was gisteren alhier aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 4 november. Het schip HERSTELLING, kapt. J. Goossens, van Bergen hier aangekomen, heeft gescheurde zeilen en is zwaar lek, hebbende op reis veel slecht weder doorgestaan.


08 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 4 november. Het wrak van de MERWEDE, kapt. Glimminga, is hier gisteravond in veiling gebracht en verkocht voor NLG 5.200.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 november. Een groot aantal balen wol en andere goederen zijn met behulp van duikers uit het gezonken stoomschip GREBE opgehaald en hier aangebracht. Men is thans met Engelse werklieden bezig het schip, dat in de nabijheid van de wal op zijde ligt, recht te zetten om vervolgens te beproeven het geheel te lichten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 oktober. Het Engelse schip WALLACE, kapt. Skea, van Cardiff naar Singapore met kolen, is 17 september op de Monnik (Java-Hoofd) gestrand. De equipage is gered. Het wrak en de inventaris zijn in publieke veiling verkocht voor NLG 643.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 oktober. Het Oostenrijkse schip UGO, van Engeland naar Batavia, is 24 september op Brouwerseiland gestrand en waarschijnlijk wrak. DE gezagvoerder en 12 man werden gered, zijn vrouw en 3 man verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 oktober. Vrachten. Sedert het laatste bericht bleef de markt stationair. Lading voor Holland blijft zeer schaars aangeboden en voor suiker hoogstens NLG 57½ te bedingen. De koersen voor factorij koffie veranderen niet. Naar het Kanaal bleven handige scheepjes in goede vraag, doch verschilden de koersen van GBP 3.2/6 tot GBP 3. Naar Amerika werd GBP 3 betaald. Naar Melbourne had een afdoening plaats tot GBP 1.11/6. Voor de Perzische Golf werd een scheepje van 10.000 picols opgenomen tot NLG 2¾, per picol en blijft dit cijfer voor een gelijke hoeveelheid geboden, voor de heen- en terugreis. Stoomboten moesten lagere cijfers aannemen, tengevolge van de vele ladende en de vele in China tot lagere koersen bevrachte stoomschepen. De laatste afdoeningen zijn: Naar Holland, de Nederlandse GEBROEDERS VAN DER BEEK, NLG 75, 250 last koffie, NLG 57½ suiker naar Vlissingen; de Nederlandse ADMIRAAL DE RUYTER, NLG 75, 260 last koffie, NLG 60 suiker uit de Oosthoek naar Amsterdam; de Nederlandse VRACHTZOEKER, NLG 100 koffie van Menado naar Rotterdam (te Macassar opgenomen); stoomschip MADURA, NLG 100 à NLG 85 koffie, NLG 90 rijst, NLG 100 specerijen naar Amsterdam; de Nederlandse LIBERAAL, NLG 75, 260 last koffie, NLG 57,50 suiker van Samarang naar Rotterdam; de Nederlandse WESTERSCHELDE, NLG 75 dito uit de Oosthoek naar Rotterdam; ALBLASSERDAM, NLG 75 dito dito; JONGE CORNELIS, NLG 75 dito dito; WATERLOO, NLG 75 dito dito Amsterdam; MARIA EN ELIZABETH, NLG 75 dito, NLG 57,50 suiker uit de Oosthoek naar Rotterdam.
Onbevrachte schepen op Java: De Nederlandse LOURENS COSTER, JONGE JAN, PRINSES AMALIA, ZES GEZUSTERS, SLAMAT, CORNELIA, ARY SCHEFFER, MR. JACOB VAN LENNEP, MARY, OTTOLINA, KOSMOPOLIET III en TROMP.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 7 november. Scheepsvrachten. Voor de kolenhavens aan de Oostkust werd heden gedaan tegen Sh.9/- of Stockton Sh.11/- of het kanaal van Bristol Sh.19/- per 10 quarters haver, terwijl voor aardappelen naar Hull Sh.11/- per ton Engels gewicht werd besteed.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 7 november. Zoals wij reeds meldden, arriveerde hier l.l. vrijdag ter rede de Groninger kof CATHARINA VAN CALCAR, kapt. H.A. Koning, van Sunderland naar Groningen bestemd. Dit schip had in de Noordzee met zware stormen te kampen, waardoor de verschansingen wegsloegen en daarbij alles van dek in zee terecht kwam. Hierbij sloeg een man van de equipage over boord en verdronk, benevens de kisten met goederen van de verdere equipage, welke zich in de roef bevonden. (Dit schip is sedert te Groningen aangekomen.)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 7 november. Gisteren kwam hier als bijlegger ter rede het Veendammer galjootschip GRIETJE, kapt. R.R. Lukkien, van Bo’ness naar Dantzig bestemd. Het is een lek en heeft schade aan het tuig bekomen door de geheerst hebbende storm in de Noordzee.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Niet minder dan dertien schepen bevinden zich reeds in het nieuwe dok alhier, dat een goed gezicht oplevert en voor deze plaats en Farmsum nog al van belang is.


09 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Het Nederlands schip PAUL WIERTSEMA, kapt. Nijhoff, van Riga naar Delfzijl, is volgens telegrafisch bericht, bij Elseneur gestrand; als het weer gunstig bleef, hoopte men het schip af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Het Groninger kofschip JONGE WILLEM, kapt. A.R. Perdok, van Charlestown naar Frederikstad, is bij Frederikshavn gestrand. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 8 november. Het schip DELFSHAVEN, kapt. Groen, van de Noordzee als bijlegger, is met overworpen ballast, verstopte pompen en gescheurde zeilen alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 8 november. Gisteren is op Terschelling gestrand de Engelse schoener ARETAS, kapt. William Thomas, van Port Madoc naar Hamburg met leien. Schip en lading zijn vermoedelijk verloren. De stuurman is aan strand gedreven. De redding van de overige equipage is vruchteloos met de reddingboot beproefd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 6 oktober. Het Nederlands schip ENGELINA, kapt. De Groot, door het aflopen van het water op de rivier op zijde gevallen en gezonken, had plm. 350 vaten talk aan boord, die men zal trachten te lossen, om daarna met behulp van duikers, het gat, dat door het stoten op een wrak in het voorschip was gekomen, dicht te maken en het schip vlot te krijgen en in het droge dok te plaatsen, om te repareren.
(opm: schip is verloren gegaan).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 4 oktober. Het Nederlandse schip MARY, kapt. Pijl, alhier 26 september van Vlissingen met kolen en arakleggers aangekomen heeft brand in de kolen gehad waardoor belangrijke schade aan de lading veroorzaakt werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Padang, 20 september. Het Nederlandse barkschip ORTELIUS, van Cardiff alhier lek aangekomen, is onderzocht en voldoende zeewaardig bevonden om naar Batavia te vertrekken om te repareren.


  JB - Javabode

Soerabaija, 1 november. Het Nederlands-Indische schip MARIA, groot 1.165 ton, is met inventaris heden morgen alhier op publieke vendutie verkocht voor NLG 10.005. Koper de heer C. Blairon.


10 november 1876


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 8 november. Het Nederlandse schip JAN EN JACOB, kapt. Venenga, van Sundsvall naar Delfzijl, is bij Cimbritshamn (opm: Simrishamn; pos: 55º33’ NB 14º22’ OL) verongelukt.
(opm: zie ook NRC 121176)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 6 november. Heden kwam alhier als bijlegger op de rede het Veendamse galjootschip GRIETJE, kapt. Lukkien, van Bo’ness naar Danzig bestemd. Het is lek en heeft schade aan het tuig bekomen door de geheerst hebbende storm in de Noordzee.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 8 november. De Nederlandse schepen EFEMIA, kapt. Top, van Riga met haver naar Antwerpen en VOORWAARTS, kapt. Oldenburger, van Nyland met hout naar Harlingen, zijn op Øland gestrand (opm: voor EFEMIA zie Kroniek 1877 – PGC 090677).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 7 november. Het brikschip PAUL WIERTSEMA, kapt. H.E. Nijhoff, uit Spijk, van Riga met hout naar Delfzijl, in de Middelgronden gestrand, is zonder assistentie vlot gekomen. Met bergers is een akkoord getroffen voor 4.000 kroondaalders. Het schip zal door duikers onderzocht worden.