Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 0 - 189 - 1801 - 1803 - 1805 - 1806 - 1808 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 2018


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1861


01 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij notariële akte, in dato de 25e september 1860, is tussen de ondergetekenden Johannes Vlierboom en Barthold Jacob Suermondt, beide cargadoors en expediteurs, wonende te Rotterdam, overeengekomen, om de tussen hen bestaande vennootschap, ten doel hebbende de uitoefening der zaken als cargadoors en expediteurs, voor de tijd van vijf jaren voort te zetten, aanvangende met de 1januari 1861. De firma der vennootschap zal blijven Vlierboom & Suermondt, tot de tekening van welke beide vennoten gerechtigd zijn, zonder die echter immer te mogen bezigen tot het tekenen van obligaties, promessen, borgtochten, acceptaties in blanco, of het opnemen en negotiëren van gelden, waartoe altijd de particuliere handtekening van beide de vennoten vereist zal worden.
Rotterdam, 31 december 1860                     Joh. Vlierboom, B. J. Suermondt


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij notariële akte in dato de 28e december 1860, is door de ondergetekenden Willem Ruys Jan Daniels Zoon, zijn zoon de mede ondergetekende Willem Ruys Willems Zoon, in zijn te dezer stede gevestigde handelszaak opgenomen, met oogmerk om die voor gezamenlijke rekening bij wijze van vennootschap, voort te zetten en zulks voor een onbepaalde tijd, te rekenen van de 1e januari 1861. De firma dezer vennootschap zal zijn W. Ruys & Zonen, tot de tekening waarvan de beide vennoten gerechtigd zullen zijn, zonder die echter immer te mogen bezigen tot het tekenen van obligaties, promessen, borgtochten, acceptaties in blanco of het opnemen en negotiëren van gelden, al ware zulks ten behoeve der firma, waartoe altijd de particuliere handtekening der beide vennoten vereist zal worden.
Rotterdam, 31 december 1860                     W. Ruys, J.D.zn, W. Ruys, W.zn


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij notariële akte op de 29e december 1860 te Rotterdam gepasseerd, is tussen de ondergetekenden Maarten Reuchlin, François Corneille Dutilh en Christian Mari Moll Schnitzler, allen reders, cargadoors en expediteurs, wonende te Rotterdam, overeengekomen, om de tussen hen bestaande vennootschap, tot het boekhouderschap van schepen, het verrichten van cargadoors en expeditiezaken, onder de firma van Reuchlin, Moll en Dutilh, te ontbinden met de 31e december 1860, met bepaling dat de liquidatie der vennootschap door de ondergetekende zal geschieden op naam der voormelde firma, met bijvoeging der woorden in liquidatie.
Zullende de gemelde zaken van af de 1e januari 1861, door de twee eerst ondergetekenden te samen op dezelfde voet, onder de firma van Reuchlin en Dutilh, worden voortgezet.
Wordende deze bekendmaking gedaan overeenkomstig art. 31 van het wetboek van koophandel.
M. Reuchlin, F.C. Dutilh, C.M. Moll Schnitzler


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bekendmaking ingevolge art. 28 van het wetboek van koophandel.
Bij notariële akte in dato 20 december, is tussen de ondergetekende Adèle Wilhelmine Trostorff, weduwe van de heer Corneille Balguérie Guérin; Anne Agathe Balguérie, weduwe van de heer Adolph Johann Remij, particulieren; Frederic Jean Plate, koopman; Alphonse Remij en George Frederic Plate, particulieren, alle wonende te Rotterdam, aangegaan een vennootschap tot het voortzetten der zaken van koophandel, commissiehandel en rederij, alhier ter stede gedreven onder de firma van Cornelis Balguérie & Zoon.
Deze vennootschap is aangegaan voor de tijd van vijf achtereenvolgende jaren, in te gaan de 1e januari 1861, en mitsdien zullende eindigen de 31e december 1865. De firma zal bij voortduring zijn Cornelis Balguérie & Zoon, tot de tekening van welke alleen de derde en vierde ondergetekenden gerechtigd zullen zijn, zonder die echter te mogen gebruiken tot het ter leen nemen of ter leen geven van gelden, het stellen van borgtocht of andere verbintenissen, anders dan voor zaken, de vennootschap rechtstreeks betreffende.
A.W. Trostorff, Wed. C. Balguerie Guérin; Wed. A.A. Remij, geb. Balguerie; F.J. Plate; Alphonse Remij; G. F. Plate.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij notariële akte, in dato de 26e juli 1860, is tussen de ondergetekenden Rudolf Wilhelm Besier, koopman en Jacob Jonkheijm, assuradeur, beide wonende te Rotterdam, aangegaan een vennootschap, ten doel hebbende het drijven van eigen handel en commissiehandel, met alles wat geacht kan worden daartoe te behoren, en zulks voor de tijd van 15 achtereenvolgende jaren, aanvangende met de 1e januari 1861.
De firma dezer vennootschap zal zijn: Besier & Jonkheijm, tot de tekening van welke, in zaken de vennootschap betreffende, beide de vennoten gerechtigd zullen zijn, zonder die echter immer te mogen bezigen tot het tekenen van obligaties, promessen in blanco, borgtochten, acceptaties in blanco of het opnemen en negotiëren van gelden, al ware zulks ten behoeve der firma, waartoe dus altijd de particuliere handtekening der beide vennoten vereist zal worden.
Rotterdam, 31 december 1860                     R.W. Besier, Jacob Jonkheim


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 29 december. De stoomboot WILLEM I (opm: WILLEM DE EERSTE), kapt. R.A. Hazewinkel, de 24e dezer alhier binnen geweest, is gisteren uit de Zuiderzee door ijsgang weder ter rede teruggekomen en zal van daar zee kiezen om in Texel binnen te komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 30 november. De Nederlandse bark ISAAC DA COSTA, kapt. H.C. Löschen, van Java naar Rotterdam, is de 23e november gepraaid op 29º Z.B. en 10º O.L. Het had de top van de fokkemast, steng en kluiverboom verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 21 november. Het Nederlandse schip LOEVESTEYN (opm: fregat LOEVESTEIN), kapt. C. Vonck, van Batavia naar Amsterdam, is de 30e oktober lek in de Tafelbaai binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Mr. J.C. Van Slooten notaris ter standplaats Veendam zal ten verzoeke van J.J. Pik Jz. op woensdag 16 januari 1861 des avonds te 7 uur, ten huize van logementhouder D.E. Everts te Veendam, publiek veilen en verkopen: een scheepstimmerwerf, waarop een grote nieuwe scheepstimmerschuur en sleephelling, met de daarbij behorende behuizing en tuin, alles staande en gelegen aan het Oosterdiep Oostzijde te Veendam. Zijnde inmiddels uit de hand te koop en te bevragen bij de eigenaar bewoner J.J. Pik Jz. opgemeld.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brouwershaven, 25 december 1860. Het schip (opm: bark) MERCATOR, kapitein Van der Wouden (opm: H. van der Woude), van Batavia naar Schiedam, te Helvoet binnen, is lek, heeft de boegspriet gebroken, stengen verloren en meer andere schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 25 december 1860. Het schip JACOBA GESINA, kapitein Kramer van Hamburg naar Gibraltar en Livorno is alhier lek binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De curator in het faillissement van Binnert Spoelstra, scheepstimmerman te Nijehaske, maakt bekend, dat door de heer Rechter Commissaris in deze failliete boedel de staat van rangregeling is opgemaakt, en dat deze, met de daarbij behorende bewijzen ter Griffie van de Arrondissement Rechtbank te Heerenveen, voor de tijd van veertien dagen, ter inzage van een ieder is nedergelegd.
De curator voornoemd,
Mr. Ph. van Blom


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal op donderdag de 3e januari 1861, des avond 6 uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis aldaar, ten verzoeke van S.G. de Heer, finaal verkopen: een in 1855 nieuw gebouwd Hek Tjalkschip, genaamd de VRIENDSCHAP, groot 68 tonnen, met mast, staand en lopend want, tuigage, 3 ankers en kettingen, zeil en kleden, staagfok, 3 kluiffokken, 4 kleden, fokkeheup, 2 watervaten en al deszelfs verdere toe en aanbehoren, zoals het door de eigenaar De Heer wordt bevaren en reeds ter bezichtiging op de Grachtswal te Leeuwarden is liggende; waarop geboden is NLG 3300. (opm: zie LC 241260; LC 040161 meldt dat bij de eerste veiling geboden is NLG 3.420)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te Heeg: een scheepstimmerwerf, met erf en huizing en zes nieuwe woningen voor de knechts, te huur op 12 mei a.s. Ook uit de hand te koop, daar 2 à 3000 guldens kan onder blijvend berustende op eerste hypotheek. Te bevragen bij E.G. Vlink te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Eerlang zullen publiek worden verkocht: de Houtzaagmolen en Scheepstimmerwerf te Sneek, bij de firma erven B.J. Feenstra in gebruik, de Herenhuizing aldaar, door de heer J.B. Feenstra bewoond; benevens 1-83-71 (circa 5 ponden) uitmuntend weiland, gelegen bij de kalkbranderij nabij die stad.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Hektjalk, groot 82 ton, met zeil en treil; nader te bevragen bij de weduwe P.G. Lindeboom te Drachten.


02 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 januari. Het schip ENTREPRISE, kapt. Hut, van Cephalonia naar Hamburg, was de 18e december bij Malaga met 200 andere schepen wegens tegenwind liggende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 januari. Gedurende het jaar 1860 zijn te Kroonstad aangekomen 2.159 schepen, waarvan 287 onder Nederlandse vlag, en zijn van daar vertrokken 2.068 schepen, waaronder 201 naar Nederland, als 133 naar Amsterdam, 52 naar Rotterdam, 9 naar Harlingen, 2 naar Groningen, 2 naar Schiedam, 1 naar Zwolle, 1 naar de Maas en 1 naar Westzaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 januari. Aangaande de schepen JULES, kapt. Maufret, in september 1860 van Roquejada naar Antwerpen, AUGUSTE, kapt. Rabe (opm: schoener AUGUSTA, kapt. Hindrik Ebes Rabe), 8 september van Archangel naar de Maas, LOUISE, kapt. Johansen (opm: brik, kapt. Johannes Johansen, zie ook NRC 250365), 23 september van Bolderaa naar Middelburg, en CATHARINA VISSER (opm: kof), kapt. Duif, 28 september van Christiansand naar Stavoren vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 26 december. Het schip JACOBA GESINA, kapt. Kramer (opm: galjoot JACOBA GEZIENA, kapt. D. Kramer), van Hamburg naar Gibraltar en Livorno, alhier lek binnengelopen, moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 21 november. Het Nederlandse schip (opm: fregat) LOEVESTEIN, kapt. C. Vonck, van Batavia naar Amsterdam, is de 31e oktober in Tafelbaai binnengelopen, lekkende en verplicht om een gedeelte der lading te lossen om te repareren. Binnen enige dagen zal dit schip deze haven weder verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op heden, de 31e december 1860, heb ik, ondergetekende Johannes Brakkee, deurwaarder bij de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, gedagvaard Marinus van Wieringen, laatst matroos, gewoond hebbende te Vlaardingen, doch wiens tegenwoordige verblijf is onbekend.
Aangezien de gedaagde in februari 1856 te Rotterdam aan boord van het brikschip CAROLINA, kapt. P.F. Koning, als matroos is aangemonsterd, welk schip de 21e dier maand van Hellevoetsluis naar zee is gezeild en de 21e mei van datzelfde jaar te New York is aangekomen.
Aangezien meerbedoelde bodem de 3e juni 1856 de terugreis heeft aanvaard, en sedert die tijd noch van de CAROLINA, noch van deszelfs bemanning enige berichten hoegenaamd zijn ingekomen (opm: zie NRC 281256).
Aangezien het dus hoogst waarschijnlijk mag geacht worden, dat gezegde brik op zijn terugreis met man en muis is vergaan en ook gedaagde daarbij is omgekomen.
Om alsnog van zijn aanwezen te doen blijken.
J. Brakkee, deurwaarder
(opm: sterk bekort)


  JB - Javabode

Advertentie. Te koop de Hamburgse brik CHRISTIAN, thans gevoerd door kapt. Binder. Het schip laadt 4800 pikols met weinig diepgang, heeft complete inventaris en is gereed zee te kiezen.
Nadere informatiën bij de heren Van den Broek & Veeckens te Samarang, de heren B.J. van Eck & Co te Soerabaija, en alhier (opm: Batavia) bij de agenten C. Bahre & C. Kinder.


03 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 29 december. Het Nederlandse schoenerschip BIAFFRA, kapt. M. Evenwel, van de Congo-rivier naar Rotterdam, is alhier lek en met verlies van anker en ketting, gisteren onder de Singels verloren, binnengelopen. Zes man der equipage is ten gevolge van het ruwe weder ziek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boulogne, 2 januari. Het Nederlandse schip (opm: schoener) HENDRIKA ALBERDINA, kapt. A.K. Pruim, met een lading wol van Port Elisabeth naar Amsterdam bestemd, is gisteren bij Ambleteuse (opm: 50º48’ N.B. 1º36’ O.L.), in de nabijheid van deze haven, gestrand (opm: zie NRC 070161 en 120161).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand wordt te koop aangeboden het kofschip ARGO gevoerd door kapitein R. Helmers, groot 144 ton, oud 10 jaar, liggende in de haven van Harlingen; informatie te bekomen bij de heren Zeilmaker en Comp, alsmde bij kapitein R. Helmers, aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Singapore, 22 november 1860. De bark LOUIS, kapitein J.P. Hessels, van Shields herwaarts gedestineerd, is volgens brief van de kapitein d.d. Muntok 16 november in Straat Maclefield (opm: Macclesfield Straat, 2º50’ Z.B. 107º0’ O.L.) verongelukt, doch hoogstwaarschijnlijk het volk gered (opm: zie PGC 050161).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurend het jaar 1860 zijn in Hamburg 5.029 schepen gearriveerd, waaronder 387 onder Nederlandse vlag.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl, zal op 10 januari 1861, des avonds te 6 uur, in het logement van Smaal, te Delfzijl publiek verkopen. De Nederlandse tjalk HARMANNA, genaamd, groot 30 ton met deszelfs inventaris, zoals hetzelve thans in de haven van Delfzijl is liggende en door schipper A.T. Pronk wordt bevaren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt ten verzoeke van de erven van wijlen de heer P.R. Brons op dinsdag 23 januari 1861, des avonds te 5 uur ten huize van de logementhouder J.P. Scherpbier, te Oude Pekela, in openlijke veiling te verkopen:
I           Een herenbehuizing, te Oude Pekela.
II          vijf vrouwen en een mannenzitplaats in de hervormde kerk te Oude Pekela.
III         Scheepsaandelen; te weten:
-  3/64 HOOP, kapitein A. Haijer.
-  3/60 AGATHA, kapitein G.E. Schuur.
-  1/27 JOHANNA GESINA (opm: ook JOHANNA GEZIENA), kapitein B.J. van der Veen.
-  1/32 ELISABETH, kapitein J.H. Duit.
-  1/30 ALIDA ELISABETH, kapitein H.G. Potjewijd.
-  1/30 ALIDA, kapitein T.F. Harding.
-  1/30 MAGDALENA, kapitein N. Buining.
-  1/30 HENDERIKA CATHARINA, kapitein G.L.B. Mooi.
-  1/16 ALBERTINE, kapitein H.B. de Jager.
-  1/30 JOHANNA GESINA, kapitein P.G. Schuur.
-  1/30 CORNELIA, kapitein H.S. Vos.
-  1/26 MARIA ANNA, kapitein J.H. Rutters.
-  2/30 SINT VITUS, kapitein H. Middel.
-  2/50 TJADDA GESINA, kapitein Joh.O. Staal.
De verkoopconditiën zullen 8 dagen bevoren ter lezing liggen van notaris B. Haitzema Viëtor.


04 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 1 januari. Alhier liggen in de haven de Nederlandse schepen SPES NOSTRA, JACOBA GEZINA, ARNOLDUS WILLEM NANNINGA, MARGRIETHA, MARIA ANNA, DRIE GEBROEDERS, DANKBAARHEID en JONGE GERRIT.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Tromp te Bergum zal op woensdag 16 januari 1861, des namiddags te 3 uur, in de herberg van Binne Popkes Vriezema, onder Bergum, finaal verkopen: een overdekt Veerschip, de GOEDE HOOP genaamd, varende in de vaste beurt van Veenwoudsterwal op Leeuwarden, vice versa, groot 14 ton, met zeil, treil en verdere toebehoren; zodanig liggende bij de huizing van de verkoper Binne P. Vriezema voornoemd; staande op NLG 1.500.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris H. Douma te Gorredijk zal op vrijdag de 11e januari 1861, ’s namiddags 1 uur, in het logement van D.I. Douma te Opeinde, provisioneel, bij strijk- en verhooggeld, presenteren te verkopen: het Veer of Beurtveer, varende van Opeinde naar Leeuwarden vice versa, groot 21 ton, met mast, zeilen, touwwerk, haken, bomen en verdere inventaris en het recht van beurtveer, alles zodanig het eigen is aan Siebe Woudstra te Opeinde, bij wie nadere inlichtingen te bekomen zijn.
(opm: LC 220161 bericht dat geboden is NLG 1.355)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris P. Boltjes te Grouw zal op zaterdag de 12e januari 1861, des namiddags 2 uur, ten huize van P. Sinnema te Beers, publiek, onder uitloving van verhooggeld, finaal verkopen: het Veerschip, varende in de vaste beurt van Beers op Leeuwarden en Sneek vice versa, met toe- en aanbehoren, thans bij de weduwe IJ. Hemminga als eigenaresse in gebruik; waarop is geboden NLG 1.414; alsmede een boot, met zeil en treil waarop is geboden NLG 44.


05 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Volgens telegrafisch bericht van Falmouth is het schip (opm: fregat) HOLLANDIA, kapt. P. Wap, van Java naar Amsterdam bestemd, aldaar binnengelopen, hebbende de kop van het roer gebroken en meer andere schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Het schip (opm: kof) NOORDSTER, kapt. J. Goedkoop, van Shields te Barcelona aangekomen, is in het Engelse Kanaal door een schoener aangezeild geworden, waardoor veel schade aan tuig, zeilen en verschansingen geleden, doch het schip dicht gebleven was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 januari. Het schip (opm: fregat) HERCULES, kapt. J.C. Siedenburg, van Batavia herwaarts gedestineerd, is, volgens telegram, gisteren met verlies van kluiverboom en bramstengen te Portsmouth binnengelopen, na op de Gronden (opm: het ondiepe gedeelte van de Atlantische Oceaan voor de ingang van Het Kanaal; ruwweg het gebied binnen de 100 vademlijn) veel slecht weer doorgestaan te hebben. Overigens alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fernambucq (opm: Recife), 14 december. Het Belgische schip PLANTEN, kapt. Frudden, van Newcastle op hier bestemd, is eergisteren in de nabijheid dezer haven gezonken.


  JB - Javabode

De Engelse klipper HERCULEAN, gezagvoerder J. Bell, bestemd van China naar Liverpool, heeft bij Poeloe Pongo of Midden-Eilanden schipbreuk geleden. De opvarenden zijn gered. Het mogelijke wordt aangewend om ook de lading, grotendeels uit thee bestaande, te redden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 30 december 1860. De equipage van het schip (opm: bark) LOUIS, kapitein Hessels (opm: J.P. Hessels), van Shields naar Singapore, in Straat Maclefield (opm: Macclesfield Straat, 2º50’ Z.B. 107º0’ O.L.) verongelukt (opm: zie PGC 030161), is gered en in goede welstand op Muntok aangekomen.


06 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 januari. In weerwil van de algemeen ongunstige tijden voor de scheepsbouw in ons land bedraagt de aanbouw van zeeschepen op dit ogenblik in de provincie Groningen als volgt: op 102 werven in 22 bouwoorden zijn in aanbouw 87 schoeners, brikken, galjoten, koffen en kleinere zeeschepen (de schoeners en brikken bedragen 38 stuks), met een inhoud van ongeveer 6.500 roggelasten.
Er zijn thans in de provincie Groningen 76 rederijen en de koopvaardijvloot telt 965 zeeschepen met een inhoud van 76.301 roggelasten of 106.999 tonnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 2 januari. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) DINA, kapt. H.J. Brouwer, van Nantes naar Rotterdam, is alhier met verlies van verschansing, gebroken gaffel en schade aan de lading binnengelopen (opm: zie NRC 100161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 3 januari. Het Nederlandse schip (opm: bark) CELEBES, kapt. F.H. Reuvekamp Gille, van Amsterdam naar Soerabaija, is alhier met schade binnengelopen.


07 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 januari. Aangaande het schip (opm: schoener) HENDRIKA ALBERDINA, kapt. A.K. Pruim, van de Algoa-baai herwaarts gedestineerd, bij Ambleteuse (opm: 50º48’ N.B. 1º36’ O.L.) gestrand (opm: zie NRC 030161 en 120161), wordt volgens brief van Boulogne (opm: Boulogne-sur-Mer) van 31 dezer gemeld, dat het waarschijnlijk afgebracht zou worden. Men was bezig de lading, die men hoopte dat geheel geborgen zou kunnen worden, te bergen. (opm: het schip werd aan lokale belangen verkocht en als ELISABETH weer in de vaart gebracht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 januari. Het schip JULIA CLAIRE, kapt. van Oosteroom (opm: bark JULIE CLAIRE, kapt. A. van Oosteroom), van Batavia herwaarts gedestineerd, is, volgens brief van Douvres van 2 dezer, de 31e december aldaar wegens tegenwind op de rede gearriveerd, na in de laatste dagen veel stormweer te hebben doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 3 januari. Bij Lands End is aan strand gedreven, een naambord waarop met vergulde letters op blauwe grond te lezen staat: H.J. Mooi - Pekel-A, 1857 (opm: voerende de galjoot MARIA).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 3 januari. Het Nederlandse schip (opm: brik) RAPHAEL, kapt. V. d. Velde Smit, van Curaçao naar Amsterdam, is alhier met verlies van zeilen, kluiverboom en grote ra binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 3 januari. Het Nederlandse schip (opm: fregat) HERCULES, kapt. J.C. Siedenburg, van Batavia naar Amsterdam, is alhier met verlies van kluiverboom en voorbramsteng binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 3 januari. De Nederlandse bark ALCOR, kapt. F.J. van Oppen, van Rotterdam naar Batavia, is alhier met verlies van zeilen en andere schade binnengelopen.


08 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND is de 29e december te Port Mahon aangekomen. Het fregat met stoomvermogen EVERTSEN ligt sedert de 21e oktober in die haven. De schout-bij-nacht commandant van het Nederlandse smaldeel in de Middellandse Zee zal met de 1e januari zijn vlag van de ZEELAND op de EVERTSEN overbrengen. Met de oogziekte op laatstgenoemde bodem gaat het beter, het schip is gezuiverd, terwijl de equipage in daartoe door het Spaanse gouvernement afgestane gebouwen gekazerneerd is. Men zegt, dat de schepen nog geruime tijd te Mahon zullen blijven om tegen het voorjaar te repatriëren. Port Mahon is een der veiligste en schoonste havens van de Middellandse Zee, en dus een goede ligplaats gedurende de winter. Het is daarom te betreuren dat er voor de oorlogsschepen geen gelegenheid bestaat tot het doen van exercitiën in het vuur, terwijl ook het debarqueren tot het maken van militaire evoluties aan vreemde natiën verboden is.
Zr.Ms. transportschip HELDIN is de 29e december van Toulon te Mahon gearriveerd, aan boord hebbende de herstelde zieken van de EVERTSEN. Deze bodem zal waarschijnlijk tegen de 15e januari naar Nederland vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Het schip IDA WILHELMINA, kapt. B.P. van Weyland, van Batavia naar Dordrecht, te Mauritius binnen (opm: zie NRC 091260), was volgens brief van Port-Louis van de 6e december van de geleden schade hersteld en gereed om de lading weer in te nemen, waarvan 341 balen koffij beschadigd verkocht waren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. Het schip (opm: bark) BATAVIA, kapt. D. Doornbos Borchers, van Batavia herwaarts gedestineerd, is wegens mistig weer op het Kentish-Knock aan de grond vastgeraakt, doch na een gedeelte der lading over boord geworpen te hebben, weer in vlot water gekomen. Het zou door een stoomboot naar Londen opgesleept worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fernambucq (opm: Recife), 16 december. Het op 7 alhier binnengelopen Nederlandse schoenerschip SICILIË, kapt. T.C. Scholl, van Rotterdam naar Macassar bestemd, heeft schade aan zeilen en rondhouten. De kapitein hoopt evenwel binnen 10 dagen gereed te zijn om de reis te vervolgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Overlijdensbericht. Heden omstreeks 1 uur, overleed onverwachts, mijn hartelijk geliefde echtgenoot, S.F. Brandt gezagvoerder van het kofschip de JONGE BRECHTUS, in de ouderdom van ruim 50 jaar.
Amsterdam, 3 januari 1861                           G.B. van der Werff, Wed. Brandt


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Behalve enige gebouwen zullen ten overstaan van onderstaande notaris op vrijdag 11 februari 1861 des avonds te 7 uur, ten huize van Mejufvrouw de Wed. Bontekoe te Groningen worden verkocht de navolgende aandelen in kofschepen:
IV        1/30 ALIDA ELISABETH, kapitein H.G. Potjewijd.
V         1/32 GEZINA, kapitein Klok Riks.
VI        1/30 AGATHA, kapitein G.E. Schuur.
VII       1/28 JOHANNA CATHARINA, kapitein B. van Veen.
VIII      1/32 GOEDE HOOP, kapitein A.F. Haijer.
IX        3/60 ALBERTINE, kapitein H.B. de Jager.
X         1/26 MARIA ANNA, kapitein J.H. Rutters.
XI        1/30 JULIANA LOUISA, kapitein H.H. Sprik.
XII       1/30 JULIANA LOUISA, kapitein H.H. Sprik.
XIII      1/28 barkschip PRINS HENDRIK, kapitein J. Verloop.
Mr. J.J. Cremers


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. E.H. Stheeman notaris te Zuidbroek, gedenkt ten verzoeke van zijn principalen op donderdag 10 januari 1861 des avonds te 6 uur ten huize van G. Buining, logementhouder te Zuidbroek, publiek te verkopen: het in 1849 zeer solide gebouwde kofschip, genaamd IDA JACOBA, gevoerd door kapitein E.G. Bosker, groot 120 ton, met deszelvs complete inventaris, thans liggende aan de werf de Nachtegaal, van de heren Wendt Meursing te Amsterdam, geclassificeerd bij Veritas 5 / 6 G. 2.1.
Nader informatiën te bekomen bij de heer J.M. Cremer te Hoogezand en bij ondergetekende notaris Mr. E.H. Stheeman.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. C. Hartman Busmann, notaris te Sappemeer, zal op 22 januari 1861, des avonds te 6 uur, in het gemeentehuis te Sappemeer, bij contant geld te koop aanbieden: het Nederlandse schoonerschip JAN VEENHOVEN Jr. groot 140 ton, in 1858 nieuw volbouwd op de werf van M.H. Kroeze te Hoogezand, geclassificeerd bij Veritas 3.3 G 1.1. voor 5 jaar en bij de nederlandse vereniging van assuradeuren te Amsterdam, A1, voor 7 jaar. Met boot en al deszelfs staand en lopend want ankers touwen zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, zoals hetzelve is bevaren door kapitein R. Nip, thans liggende te Schiedam, dagelijks te bezien en aan het adres van de heren Long & Kool, scheeps-makelaars aldaar. Informatie bij de heren Mr. H. Veenhoven, Hoogezand en J.K. Mulder, te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 januari. Het schip ENTREPRISE, kapitein Hut, van Cefalonia (opm: 38º15’ N.B. 20º30’ O.L.) naar Hamburg, was op 18 december met nog circa 200 schepen te Malaga liggend, wegens tegenwind.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 januari. De schepen (opm: barken) CAROLINA, kapitein L. Struijk en WILHELMINA, kapitein C.H. Klint, zouden op 10 december van Suriname herwaarts vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende het jaar 1860 zijn te Amsterdam 1.899 en te Texel 2.165 schepen gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 1 januari. Onder meer andere overwinteren alhier de schepen ELISABETH (opm: kof), kapt. J.M. Mandties; MEINKINA (opm: tjalk MEISKINA), kapt. J.J. Spel; TWEE GEBROEDERS (opm: tjalk), kapt. J.M. Kielema; ONDERNEMING (opm: tjalk), kapt. J.J. Bekkering en het schip VROUW METTINA, kapitein Scholten (opm: tjalk, kapt. G.J. Scholtens).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Amsterdam – Kaap De Goede Hoop.
Naar de Kaapstad, Port Elisabeth en Port Natal ligt te Amsterdam in lading, om vermoedelijk bij open water in de loop der maand februari te vertrekken: het snelzeilend gekoperd en reeds in deze vaart zo gunstig bekende barkschip PROVINCIE DRENTHE, gevoerd bij kapitein H. Beckering, zijnde weder in alles behoorlijk ingericht voor de overvoer van passagiers, zowel der eerste, tweede en derde klasse; terwijl een bekwaam geneesheer de reis zal medemaken.
Adres bij de heren reders F.U.H. Reiger & Cie, bij de heer M.C. Lapidoth, agent der Landbouw Emigratie Maatschappij, of bij de cargadoors Hoyman & Schuurman, allen te Amsterdam woonachtig.


09 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 januari. Zr.Ms. stoomschip AMSTERDAM is heden te Nieuwediep in dienst gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 januari. Het schip (opm: bark) CELEBES, kapt. F.H. Reuvekamp Gille, van hier naar Soerabaija, met schade te Falmouth binnengelopen, was volgens telegram van daar van 7 dezer na volbrachte reparatie gereed om de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 3 januari. De Nederlandse schoenerkof VEREENIGING, kapt. Stuit (opm: H.J. Stuut), van Dantzig (opm: Gdansk) naar Harlingen, gisteren namiddag uit het Kattegat teruggekeerd, is heden wegens ijs in de Sond alhier in de haven gekomen.


  JB - Javabode

Soerabaja, 29 december 1860. Gisteravond te half tien is van de scheepshelling van de fabriek voor de Marine en het Stoomwezen met het beste gevolg te water gelaten het gouvernements ijzeren stoomvaartuig BONI.
Nadat dit stoomschip in de wateren van Borneo belangrijke diensten had bewezen, werd het naar Soerabaja gedirigeerd en kwam daar in het begin van juni j.l. aan tot het ondergaan van belangrijke herstellingen en voorzieningen.
Met het eerst volgende springtij van volle maan op de helling van de fabriek gehaald, werd al dadelijk een aanvang gemaakt met de herstelling van de ijzeren romp, vooral het ingedompelde deel bleek een bijna gehele vernieuwing te behoeven. In een betrekkelijk kort tijdsverloop circa 6 maanden werd dus het belangrijkste van het werk beëindigd, zodat nu het vaartuig in de rivier ligt, met kracht kan worden doorgegaan met de betimmering, stelling van de werktuigen en stoomketel benevens de verdere werkzaamheden boven het watervlak liggende.
Het schone weer had een aantal toeschouwers uitgelokt, welke waren opgekomen, om een altijd belangstellende bewerking, als het te water laten van een schip is, bij te wonen.


  JB - Javabode

Advertentie. De heren Jan Pieter Bezoet de Bie en Johan Pieter Louran hebben bij acte d.d. 31 december 1860 no. 112, voor mij verleden, een vennootschap aangegaan tot voortzetting van de alhier bestaande handel voor eigen rekening en de commissiezaken onder de firma van Landberg, Bezoet de Bie & Co, waarvan beide vennoten de tekening hebben, en waarin de heer Peter Landberg en commandite (opm: beherend vennoot) deelt. De vennootschap, aanvangende op 1 januari 1861, is voor onbepaalde tijd aangegaan.
- Ingevolge acte d.d. 31 december 1860 no. 109, voor mij gepasseerd, is de heer Jan Pieter Bezoet de Bie onder die datum afgetreden als lid der alhier canterende firma P. Landberg & Zoon.
- Blijkens acte d.d. 31 december 1860 voor mij sub no. 111 gepasseerd, hebben de heren Peter Landberg en George Peter Landberg opgehouden regerende leden te zijn der vennootschap, alhier gevestigd onder de firma Landberg, Bezoet de Bie & Co.
- Bij acte op de 31e december 1860 voor mij onder no. 110 verleden, hebben de heren Peter Landberg en George Peter Landberg zich geassocieerd tot voortzetting van de alhier bestaande toko- en commissiehandel onder de firma P. Landberg & Zoon, waarvan de beide vennoten de tekening hebben, terwijl de vennootschap, voor onbepaalde tijd aangegaan, begint op de 1e januari 1861.
De tijdelijk waarnemend notaris te Batavia, Houthuijsen.
(opm: deze firma zal zich ontwikkelen tot een der belangrijkste rederijen van Nederlandsch-Indië)


10 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 januari. Hoe belangrijk een tak als de houthandel voor onze stad is, blijkt uit het navolgend getal ladingen, hier in het afgelopen jaar uit Noorwegen en de Oostzee aangevoerd als uit: Dantzig 9, Riga 10, Memel 11, Stettin 2, Nerva 10, Hamburg 8, Drammen 10, Drobak 15, Laurvig 8, Oudsoen 39, Holmstrand 9, Osterisoer 12, Christiaansand 25, Tvedestrand 6, Frederikstad 110, Arendahl 5, Christiana 1, Brevig 1, Rosnoskilen 6, Fromstadt 2, Laasbye 3, Flekkeroe 1, Stadhille 2, Dramsfiörd 1, – hetwelk  tezamen 306 ladingen hout bedraagt. De thans nog hier aanwezige voorraad is ongeveer de helft van die in dezelfde tijd in het vorige jaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 5 januari. De alhier in averij binnengelopen Nederlandse schoener DINA, kapt. Brouwer (opm: zie NRC 060161), van Nantes naar Rotterdam, is begonnen met de lading tarwe, die zeer beschadigd is, te lossen en wordt opgeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 6 januari. Alhier zijn aangebracht 4 balen tabak en 2 balen peper, afkomstig van het Nederlandse barkschip BATAVIA, kapt. Borchers (opm: D. Doornbosch Borchers), van Batavia naar Amsterdam, te Gravesend gearriveerd, welke bodem, als vroeger gemeld, op het Kentish Knock Sand aan de grond gezeten heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pillau (opm: Baltiysk), 5 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen GRATITUDE (opm: galjoot), kapt. H.B. Kolk en MINA (opm: kof), kapt. J.R. van Laten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gothenburg, 2 januari. Het Nederlandse kofschip FENNECHINA HENDRIKA, kapt. Groenewold (opm: schoenergaljoot FENNECHINA HENDRINA, kapt. J.J. Groenewold), van Bremen met stukgoederen, is de 31edecember te Stalholmesund binnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten gedenkt, ten verzoeke van J. Koster, op maandag 14 januari 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van logementhouder J.H. Dijksterhuis te WInschoten, publiek te verkopen: een overdekt tjalkschip genaamd GEZIENA, groot 45 ton, thans liggend te Winschoten met alle daarbij behorende opgoederen; 2/3 van de koopprijs kan de verkiezende à 5% onder het verkochte blijven.
B. Haitzema Viëtor


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor en A.J. de Sitter, notarisen te Winschoten, gedenken ten verzoeke van hun principalen op woensdag en donderdag 30 en 31 januari 1861, telkens des namiddags om 3 uur, ten huize van logementhouder D. Randa Mulder, te Winschoten publiek te verkopen: een grote partij aandelen in verschillende Nederlandse zeeschepen en schuldvorderingen ten laste van scheepsgezagvoerders. enz. (opm: verder niet gespecificeerd)


11 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 10 januari. Het alhier van Newcastle gearriveerde kofschip HARBERDINA, kapt. E.H. Bakker, heeft op Scheelhoek en Zuid-Pampus aan de grond gezeten, doch is met assistentie van ijssloepen en een stoomboot in de haven gebracht. Het schip heeft veel geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Het schip (opm: bark) BATAVIA, kapt. D. Doornbos Borchers, van Batavia herwaarts gedestineerd, is de 7e dezer te Londen in het Victoria-dok gesleept, na op het Kentish-Knock aan de grond gezeten te hebben. Het moet waarschijnlijk lossen om nagezien te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Margate, 8 januari. Alhier zijn aangebracht 58 balen specerijen uit het schip BATAVIA, kapt. D. Doornbos Borchers, van Batavia naar Amsterdam, dat op de Kentish Knock aan de grond gezeten en thans te Londen ligt. Circa 30 ton van de lading van voornoemd schip heeft men overboord moeten werpen om het vlot te krijgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 8 januari. Gisteren namiddag zijn alhier met de sloep aan strand gekomen kapt. H. de Boer en verdere equipage, gevoerd hebbende het tjalkschip TWEE GEBROEDERS, met steenkolen van Engeland naar Harlingen, welk schip in de nabijheid van 't Vlie door zware lekkage is gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly (St. Mary’s), 7 januari. Het Nederlandse schip (opm: schoener) STAD LEEUWARDEN, kapt. J.J. Dijk, van Amsterdam naar Suriname, is alhier met verlies van verschansingen, stutten en andere schade binnengelopen. Twee man van de equipage zijn 31 december circa 150 mijl bewesten dit eiland over boord geslagen en verdronken (opm: zie NRC 180161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Scheveningen ligt in lading naar Londen het bomschip MARTIJNTJE MOS, schipper Pieter Mos, vertrekt maandag 14 januari.
Adres bij Ph. van Ommeren te Rotterdam, of Aalbert Mol te Scheveningen.
(opm: als bij strenge en langdurige vorst de West-Nederlandse zeehavens waren dichtgevroren, werd voor het vervoer van met name levensmiddelen naar Engeland en Noord-Frankrijk gebruik gemaakt van vissersbommen, die, tijdelijk in de vrachtvaart gebracht, op het strand of vlak voor de kust beladen werden; in deze kroniek wordt enige aandacht aan dit fenomeen gegeven).


12 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin (opm: Szczecin), 9 januari. Alhier overwinteren de Nederlandse schepen JANTINA (opm: kof), kapt. H. ten Cate, REINA, kapt. Kruisinga (opm: tjalk, R. Kruizinga), en GEZINA, kapt. L.P. Krook.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boulogne, 4 januari. Het schip (opm: schoener) HENDRIKA ALBERDINA, kapt. A.K. Pruim, van de Algoa Baai naar Amsterdam, bij Ambleteuse (opm: 50º48’ N.B. 1º36’ O.L.) gestrand (opm: zie NRC 030161), zit nog bijna in dezelfde staat.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 9 januari. De schepen HENDRIKA (opm: schoener), kapitein J.R. Zoutman, naar Bilbao bestemd en ALPHA (opm: kof), kapitein Joh.J. Zijl, van Rotterdam naar Newry waren de vierde dezer nog te Falmouth liggende.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Fernambuck (opm: Recife), 16 december 1860. Het schip SICILIE, kapitein Scholl (opm: schoener, kapt. T.C. Schol), van Rotterdam naar Macassar, alhier binnengelopen heeft schade aan zeilen en rondhouten, doch zal binnen 10 dagen gereed zijn om de reis voort te zetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Penzance, 5 januari. Het schip de ANNA AGATHA, kapitein Klingen (opm: kof, kapt. J. Klingen), van Cardiff naar Sevilla, de derde dezer alhier binnengelopen, heeft boten enz. verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende het jaar 1860 zijn te Lübeck 15 Nederlandse schepen binnengelopen en te Gent 20 schepen.


13 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vrachten. De vrachten voor Nederland zijn iets flauwer gestemd. Bij de grote hoeveelheid producten die nog moeten verscheept worden, denkt men niet dat vrachten belangrijk zullen terug gaan. De volgende schepen vonden emplooi: Nederlands TWEE CORNELISSEN, 472 ton, door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 80 per last voor suiker en NLG 70 voor rijst; ladende te Pekalongan, Tagal, Dadap, Cheribon en Samarang naar Rotterdam; Nederlands MINISTER PAHUD, 674 ton, NLG 70 voor rijst alhier, NLG 70 voor koffij en NLG 80 voor suiker te Samarang naar Rotterdam; Nederlands HELENA EN ANNA, 862 ton NLG 80 voor suiker en NLG 70 voor rijst; hier te Soerabaja en Passaroeang te laden naar Rotterdam; Nederlands GENERAAL DE STUERS, 749 ton, NLG 75 voor suiker en NLG 110 voor arak, hier te Soerabaja en Passaroeang te laden naar Rotterdam; Nederlands BROUWERSHAVEN, 599 ton, NLG 80 voor suiker alhier, NLG 65 voor koffij te Samarang en NLG 75 voor suiker te Passaroeang te laden naar Rotterdam; Nederlands AMSTERDAM, 799 ton, laadt gedeeltelijk voor eigen rekening en gedeeltelijk op vracht à NLG 82,50 voor suiker op de kust naar Amsterdam; Nederlands CORNELIA, 778 ton, NLG 77,50 voor suiker, NLG 85 voor licht goed alhier, NLG 80 voor suiker en NLG 115 voor arak te Soerabaja naar Amsterdam. Nederlands MARIA CATHARINA, 755 ton, NLG 80 voor suiker en NLG 115 voor arak te Soerabaja naar Amsterdam; Nederlands ARGONAUT, 387 ton, NLG 80 voor suiker en NLG 70 voor thee alhier naar Amsterdam; Nederlands WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN, te Soerabaja bevracht à NLG 80 voor suiker aldaar en NLG 85 te Probolingo naar Amsterdam; Nederlands EVA JOHANNA, 979 ton NLG 75 suiker, NLG 70 rijst en NLG 100 arak, hier te Cheribin en Tagal te laden naar Rotterdam.
Onbevrachte schepen: Nederlands J.C. SCHOTEL, ULYSSES, CALIFORNIE, 'T GOEDE VERTROUWEN, ORTÉLIUS, ALDEBARAN, STAD GOUDA en PRINS HENDRIK.
De ULYSSES maakt kustreizen, de MARIA MAGDALENA verzeilt naar Macassar (opm: Ujung Pandang).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 12 januari. Gisteren is van hier met een lading boter naar Engeland vertrokken de pink de EENDRAGT, reder Albert Mos. Morgen vertrekt van diezelfde reder een tweede pink.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brightlingsea (Colchester), 6 januari (opm: juist op de plaats van de datum zit een gaatje in de krant; 6 januari kan ook 5 januari zijn). Gisteren zijn alhier aangebracht 21 balen cubebe-peper en een kranjang suiker, afkomstig van het op Kentish Knock aan de grond geraakte en sedert te Londen aangekomen Nederlandse schip (opm: bark) BATAVIA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 november. Het Nederlandse schip TWEE JEANNE’S, kapt. van der Windt (opm: bark TWEE JEANNES, kapt. A. van der Windt), van Hongkong in ballast naar Batavia, is op het eiland Poelo Liat (Straat Gaspar) gestrand en totaal verongelukt. De equipage is gered en alhier aangekomen.
Nopens deze ramp behelst de Javasche Courant het volgende:
De 16e oktober, ongeveer 2½ ure des middags, strandde op het Midden-eiland het Nederlandse barkschip TWEE JEANNE’S, kapt. Van der Windt, in ballast zeilende van Hongkong naar Batavia, ten einde aldaar voor Nederland door de Nederlandsche Handel-Maatschappij te worden bevracht. Onmiddellijk is alle mogelijk hulp verleend. De schipbreukelingen zijn voorlopig ter hoofdplaats gehuisvest. Op verzoek van de gezagvoerder is de geredde inventaris publiek verkocht. De veiling heeft ruim NLG 4.000 opgebracht. Tot overmaat van ramp is het gestrande schip in de avond van de 18e, terwijl de gezagvoerder met nog enige opvarenden en vijf inlanders zich aan boord bevonden, in brand geraakt en tot de waterlijn afgebrand. Er wordt onderzocht of daarbij moedwil heeft plaats gehad.
(N.B. het arrivement van bovengenoemd schip, dat men ons per telegraaf bericht had, blijkt dus onwaar te zijn)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 november. Het Nederlandse schip JAN PIETERSZ. KOEN (opm: bark JAN PIETERSZOON KOEN, kapt. P.A.C. Hugenholtz, zie JB 260560) is met de inventaris uit de hand verkocht voor NLG 21.000 (opm: gekocht door Landberg, Batavia, nieuwe naam JOSEPHINE).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 november. Het Nederlandse schip BIESBOSCH (opm: fregat, kapt. J.H. Mugge, afgekeurd, zie o.a. NRC 161260) werd in veiling verkocht voor NLG 8.000 en de inventaris voor NLG 9.000.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, vóór 27 november. Het alhier van Banka gearriveerde Nederlandse schip (opm: fregat) WATERGEUS, kapt. H.R. Giezen, heeft op het Alceste-rif (Straat Gaspar) aan de grond gezeten, doch kwam na 4.000 blokken tin over boord geworpen te hebben, weder vlot.


14 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 13 januari. De pink KOOPMANS WELVAREN van de reder P. de Niet, die van Ostende teruggekeerd was, is weder derwaarts vertrokken. De beide pinken van de reder F. Varkevisser zijn ook van daar teruggekeerd. Morgen vertrekt een tweede pink van de reder A. Mos met boter en andere eetwaren naar Londen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Het schip (opm: kof) VERWISSELING, kapt. J.P. Boer van Amsterdam te Malta aangekomen, heeft op de hoogte van Malta veel slecht weder doorgestaan, de boot ingeslagen en door het overgaan van de kettingbak schade aan de pomp en zware slagzijde bekomen, waardoor veel water in het schip geraakt was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 9 januari. Het schip (opm: galjoot) MARGARETHA AUGUSTA, kapt. A.A. Jongman, van Nantes naar Rotterdam, is bezig de lading boekweit, die zwaar verhit is, te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Duinkerken, 10 januari. De Nederlandse schoener THORBECKE, kapt. F.H. Witting, van Newcastle met ijzer naar Sevilla, is in de nacht van 7 dezer ten oosten van Grevelingen (opm: hier is Gravelines bedoeld) gestrand en verbrijzeld, doch het volk gered (opm: zie NRC 010261).


15 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 januari. Volgens van kapt. C. Maarschalk van het schip (opm: fregat) IJSSEL, van St. Mary (Scilly eilanden) ontvangen brief van 10 dezer, was hij aldaar wegens contrarie wind en tot herstel van enige schade binnengelopen. Hij had gedurende de reis met veel slecht weder te kampen. Hij zou de reis bij gunstige gelegenheid spoedig vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 13 januari. Het schip (opm: fregat) JAVAAN, kapt. H. Munnix, van Batavia naar Amsterdam, is hedenmorgen bij Egmond gestrand. Het heeft assistentie van de sleepboot en rinkelaars. Volgens de Zeepost is dit schip hedenmorgen (14 januari) te Texel binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 13 januari. Het schip CHARLES, kapt. Lechère, heeft, in dato San Francisco 1 december, bij het verhalen op de rivier, aan de grond gezeten en moet in het dok halen om nagezien te worden; had reeds een gedeelte van de lading aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 12 januari. Het schip ALFA, van Fleetwood naar Port-au-Prince, is de 24e december op Madeira verongelukt; men hoopte een gedeelte van de lading te kunnen bergen (opm: zie PGC 190161). De Nederlandse schoener ALFA, kapt. Bakker (opm: galjoot, kapt. T.H. Bakker), is de 2e december van Fleetwood naar Haïti vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 november. Het schip (opm: bark) BALTIMORE, kapt. G.H. Brakke, van Amsterdam alhier aangekomen, heeft een orkaan doorgestaan en daardoor schade aan tuigage enz. bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Melbourne, 24 november 1860. Het grootste gedeelte van de lading van het Nederlandse schip (opm: bark) TRIJNTJE FENNA, kapt. C. Ingerman, 29 oktober alhier van Rotterdam gearriveerd, is beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Scheveningen ligt in lading naar Londen het bomschip CORNELIS MOS, schipper M.J. Mos, vertrekt woensdag 16 januari.
Adres bij Ph. van Ommeren te Rotterdam of Aalbert Mos te Scheveningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt ten verzoeke van E.H. Schreuder, op dinsdag 5 februari 1861, des avonds te 5 uur, ten huize van logementhouder D.W. Drewes te Oude Pekela, in openlijke veiling te verkopen:
-  I.  Een lijnbaan, met huis erf en tuin en
-  II.  Onderscheidene scheepsaandelen: 1/30 JELTINA, kapitein A.P. Scherpbier; 1/30 ENGELINA, kapitein P.O. Smid; 1/30 MARGARETHA GESINA, kapitein J.E. de Grooth; 1/30 FENNECHINA ARENTINA, kapitein H.B. de Jonge; 1/50 GOLDHOORN, kapitein B.M. Pott; 1/30 CORNELIA BERENDINA, kapitein E.U. Pott; 3/54 HILLECHINA HENDERICA, kapitein J. Kuiper; 1/60 EGBERTUS, kapitein H.H. Schrik.
De verkoopconditiën zullen in tijds ter lezing liggen ten kantore van de notaris B. Haitzema Viëtor.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J.C. Van Slooten, notaris te Veendam gedenkt ten verzoeke zijner principalen publiek te veilen en te verkopen: het in 1857 (opm: juli 1856) nieuw uitgehaalde schoonergaljootschip NEELINA JELTINA, groot 136 ton, met al deszelfs opgoederen en toebehoren, zoals hetzelve is bevaren door kapitein F.J. Kuipers, thans te Antwerpen liggende. De verkoop zal plaatshebben op woensdag 23 januari 1861, des avonds te 7 uur ten huize van de logementhouder D.E. Everts te Veendam, alwaar de inventaris ter lezing ligt. (opm: koper Th.J. Middel; koopprijs 6.300 gulden; nieuwe scheepsnaam BOUWINA)


16 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 15 januari. Afgevaren naar Oostende met bokking schipper P. den Heijst, reder M. van der Toorn, en schipper K. Keus, reder F. Varkevisser met bokking en zoute vis; naar Vlissingen met bokking en om met oesters terug te komen schipper kapt. L. van der Zwam, reder P. Varkevisser; naar Brouwershaven om oesters schipper kapt. W. Overduin, reder F. Varkevisser.
In lading naar Londen met boter en andere etenswaren een derde pink van de reder A. Mos, schipper kapt. Maarten Mos. Men ziet hieruit dat de bevrachtingen van onze bommen of pinken naar buitenslands met elke dag toenemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Het schip (opm: bark) MARIA VERONICA, kapt. T. Mulder, van Batavia herwaarts gedestineerd, heeft volgens telegrafisch bericht, na te Deal van een ander anker en ketting voorzien te zijn geworden, de 14e dezer de reis voortgezet. Het was wegens dikke mist op 3½ vadem water bezet geraakt, doch met adsistentie weder in de ruimte en zonder schade ter rede van Duins gebracht. Voor bergloon wordt GBP 700 gevraagd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Aangaande de volgende schepen heeft men sedert niet vernomen (opm: zie ook NRC 020161):
-  AUGUSTA, Nederlandse schoener-brik (opm: schoener), kapt. H.E. Rabe, 8 september van Archangel naar de Maas vertrokken.
-  LOUISA, Nederlandse schoener-brik, kapt. J. Johansen, 23 september van Riga naar Middelburg vertrokken .


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 15 januari in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam: het Nederlands barkschip MADURA, groot 473 tonnen, voor NLG 35.500 verkocht. De chronometer voor NLG 300 verkocht.


  JB - Javabode

Advertentie. Op vrijdag 18 dezer zal alsnog in vendutie worden verkocht het wrak van het Nederlands-Indisch schip EGBERT, liggende of niet liggende bij de Hoek van Krawang.
Gebr. Roselje & Co.


17 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 14 januari. De Nederlandse brik SAPPEMEER, kapt. van Veen (opm: kapt. J.J. van der Veen), van Antwerpen naar Havana, is 3 januari op 48º N.B. 8º W.L. gezonken (opm: zie PGC 230261). De bemanning is door het schip PHILOSOPHER, van Calcutta alhier binnen, gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 14 januari. De kof ANNA GESINA, kapt. Deden (opm: buitenlander), van Londen naar Glückstad, is hier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 12 januari. Het schip HERCULES, van Quebec naar Londen, is in zinkende staat door de equipage verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Swinemünde, 13 januari. Eergisteren verscheen bij de Oldenburgse consul alhier een matroos, die voorgaf afkomstig te zijn van de Nederlandse kof EMILIE, van Schiedam naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) bestemd, welk vaartuig in de nabijheid van het Haff bij Treptow in het ijs verongelukt is. Alleen hij en de kapitein en stuurman hadden zich kunnen redden; de beide laatsten lagen, volgens zijn zeggen, te Trepkow in het hospitaal. De gehele vertelling van deze gast verdient maar weinig geloof, daar het vreemd is, dat hij, in de onmiddellijke nabijheid van Colberg geland zijnde, een lange reis tot hier te voet zou gemaakt hebben om hulp in te roepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Scheveningen liggen in lading naar Londen:
-  Het bomschip JONGE IMMETJE, schipper C. Westerduin, vertrekt vrijdag 18 januari.
-  Het bomschip VROUW PIETRONELLA, schipper A.C. Roelevelt, vertrekt maandag 21 januari.
Adres bij Ph. van Ommeren te Rotterdam of Aalbert Mos te Scheveningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 10 januari. Volgens brief van kapitein J.H. van Wijngaarden q.q, voerende het schip (opm: fregat) de ZEEPLOEG, van Riga, laatst van Kopenhagen naar Kaap de Goede Hoop, bevond zich op 5 januari in goede staat zeilende en met gunstige gelegenheid op de hoogte van Wight, na op 1 januari in de Noordzee, even buiten het Skagerak, zware stormen met hevige zeeen te hebben doorstaan, aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 29 november 1860. Het schip (opm: bark) ODILIA MARGARETHA, kapt. F.W.H.P.J. Martini van Geffen, van Rotterdam alhier aangekomen is naar Sourabaya verzeild om te repareren, hebbende boven water koper verlaten (opm: wellicht verloren).


18 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Het bericht wegens het verongelukken bij New Inlet, van het schip JOHANNA, kapt. Roostee, van Newcastle naar New York, blijkt abusief geweest te zijn en betrekking gehad te hebben op de Zweedse bark JOHAN, kapt. Palm.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 14 januari. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip SIRENE, kapt. Schroot (opm: schoener, kapt. J.P. Schroot, zie ook PGC 220161), van Rotterdam naar Boston, heeft de reparatie bijna geëindigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 14 januari. Aan de bemanning van de kotter ATLANTIC die aan het Nederlandse schip (opm: schoener) STAD LEEUWARDEN, kapt. J.J. Dijk, van Amsterdam naar Suriname, alhier in averij binnen (opm: zie NRC 110161), assistentie verleend heeft, is een beloning van GBP 35 toegekend.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop: een zeer net, in 1854 gebouwd Hek Tjalkschip, groot 45 tonnen, met complete inventaris, liggende te Nijehaske bij Heerenveen, zodanig het door nu wijlen Gerke Sibberts Fokstra is bevaren, en met overdracht van de klandizie in hout en turf, te Purmerend.
Te bevragen bij de weduwe G.S. Fokstra te Nijehaske. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Hek Tjalk, groot 45 ton, met complete inventaris, alles in beste staat, liggende op de Galamadammen.
Te bevragen bij de eigenaar J. de Jong aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op goede voorwaarden uit de hand te koop: een welbezeild Smakschip, de JONGE DOUWE, groot volgens meetbrief 74 zeetonnen, met zeil en treil, ankers en kettingen, nieuw grootzeil, koks gereedschappen, compleet, zoals het schip de laatste reis uit Noorwegen is te huis gekomen: liggende in de Lemmer en aldaar te bevragen bij D.D. de Jong. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Brunger zal, ten verzoeke van de heer C.K. Post, op dinsdag de 29e  januari 1861, ‘s namiddags ten 6 ure, in de herberg der weduwe J.C. Wassenaar te Sint Anna Parochie, provisioneel verkopen: een achtste in het geoctrooieerde Veer van Sint Anna Parochie, met de helft in het daarbij behorende Snikschip, genaamd de HOOP, groot 7 ton, varende in de beurt van Sint Anna Parochie op Leeuwarden en andere handelssteden in Friesland vice versa; thans bevaren wordende door E.A. Luxen; te aanvaarden 12 mei 1861.
Inmiddels uit de hand te koop, te bevragen bij de schipper E.A. Luxen aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Friesche Maatschappij tot onderling verzekering van Schepen, gevestigd te Heerenveen. De deelgenoten en agenten van voornoemde maatschappij worden ter algemene vergadering opgeroepen, op donderdag de 24e januari 1861, ’s voormiddag 11 uur, in het logement het Posthuis te Heerenveen.
Ieder, die als gelastigde compareert, zal, overeenkomstig art. 48 van het reglement, van een schriftelijke lastgeving behoren voorzien te zijn.


19 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Eergisteren is te Hellevoetsluis in dienst gesteld Zr.Ms. schroefstoomschip 4e klasse de VECHT.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 januari. Heden werd op de werf De Haan van de scheepsbouwmeester J. Boelen J.Rzn alhier de kiel gelegd voor een brikschip, groot ca. 110 gemeten lasten, dat de naam zal voeren van GOUVERNEUR NAGTGLAS en bestemd is om onder directie der heren Herklots & Bouman ter dezer stede te varen op de West- en Zuidwestkust van Afrika.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Volgens brief van kapt. H.A.C. Henny, voerende het schip (opm: bark) BARON VAN HARDENBROEK, van Batavia herwaarts gedestineerd, in dato Plymouth 15 januari, had hij alstoen de bekomen schade gerepareerd en zou hij de eerste gunstige gelegenheid de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 15 januari. Het alhier binnengelopen schoenerschip JANNEKE HENDRIKA, kapt. Pik (opm: JENNEKE HENDERIKA, kapt. R.J. Pik of R.T. Pik), van Buenos Aires naar Rotterdam, is bij het binnenlopen alhier in aanzeiling geweest en heeft daardoor de kluiverboom en enig tuig verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Scheveningen ligt in lading naar Londen het bomschip VROUW PIETRONELLA, schipper A.C. Roeleveld, vertrekt maandag 21 januari.
Adres bij Ph. van Ommeren, te Rotterdam of Aalbert Mos, te Scheveningen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men vraagt uit de hand te koop: een goed zeilend gekoperd of gezinkt schoener- of brikschip, van omstreeks 5 jaar, groot 80 à 110 gemeten lasten.
Adres franco bij de makelaar K.J. Hagenzieker, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Luidens een bij het departement van marine ontvangen rapport van de luitenant ter zee van de 1e klasse Jhr. H.P. De Kock, commanderende Zr.Ms. schroefschip RETEH, op reis naar Oost-Indië, is die bevelhebber in de gelegenheid geweest in de voormiddag van de 4e december l.l. in de Noord-Atlantische Oceaan, op de hoogte van Portugal, de bemanning te redden van de Zweedse schoener FREJA, gezagvoerder C.G. Lundgren, geladen met steenkolen en bestemd naar Venetië. De schoener had in de storm van de vorige dag zijn voortuig verloren. De zee spoelde over het dek, had de luiken weggeslagen en het water was bij de lading gedrongen, zodanig dat, ofschoon men 24 uur had gepompt, men ieder ogenblik vreesde te zinken.


  JB - Javabode

Advertentie. Op de 10e januari l.l. is alhier na een kortstondige doch hevige ziekte overleden de heer J.P. Carst, in leven gezagvoerder van het Nederlandse schip (opm: bark) ARGONAUT.
R. Jaski Carst


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Madeira, 3 januari. Het galjootschip ALFA, kapt. T.H. Bakker, van Fleetwood naar Haiti is op 24 december bij de Noordkust van het eiland door stilte op het zand gedreven. Een groot gedeelte der lading is in beschadigde staat geborgen en zal publiek verkocht worden. De bemanning is gered. (opm: zie NRC 150161)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aan de leden van het Zeemanscollegie de GRONINGER EENDRAGT, te Groningen.
M.M, H.H. !
De Commissarissen, benoemd uit uw Collegie tot het uitrusten van jongens uit de minvermogende stand voor matrozen der koopvaardij, voldoen bij dezen aan hun verplichting tot het geven van een jaarlijks verslag.
Er is voorzeker geen provincie in ons vaderland, waar de scheepsbouw van koffen en schoeners, of hoe ook genaamde vaartuigen van dien aard en bestemming, van grotere omvang is dan in ons gewest. Aan die bouw zijn veelvuldige takken van bestaan verbonden; wij behoeven ze, als bekend, wel niet op te sommen. Andere inrichtingen, onderwijs in zeevaartkunde, compacten (opm: onderlinge verzekeringsmaatschappijen van schepen), assurantiën onder verschillende vormen, hebben daaraan hun oorsprong te danken.
Ook onze vereniging, het Collegie "De Groninger Eendragt", is hare oprichting, uitbreiding en het vaste standpunt, ‘t welk zij heeft ingenomen, aan de scheepvaartsbelangen verschuldigd.
Met andere woorden zij het gezegd: de maatschappelijke toestand in deze provincie is ten naauwste verbonden met de belangen onzer scheepvaart. Storm of kalm weder, bloei of kwijning dezer industrie, hebben gevoelige en uitgebreide gevolgen.
Het zal u wellicht enigermate bevreemden, indien wij een verslag dezer commissie aanvangen met het vermelden van daadzaken van algemene bekendheid, doch bepaaldelijk bij ons Zeemans-Collegie overbekend en in hare gevolgen het eerst en het scherpst gevoeld. Voor deze enigszins brede aanvang hebben wij naar ons inzien ruime aanleiding. In de eerste plaats heeft het onze verwondering getrokken, dat het getal der buitengewone leden niet is toegenomen sedert de inrichting tot het plaatsen van minvermogende jongens uit deze gemeente is tot stand gekomen. Men had kunnen verwachten, dat het belang en voordeel van velen, tengevolge van hunner, aan de zeevaart verwante bedrijven, hen zou aansporen tot enige milddadigheid jegens de hoofdbron van hun bestaan, het was een plicht van eigenbelang en van dankbare erkenning tevens. Ten andere verwondert het ons, dat het jaarlijks aanbod van jongens niet verre de gelegenheid van plaatsing overtreft. Het tegendeel heeft plaats, vruchteloos verlangt van tijd tot tijd een kapitein een aankomende jongen.
Naar ons oordeel zouden ouders voogden en bestuurders van gestichten de door ons aangebodene wijze van verzorging zich meer gretig ten nutte hebben gemaakt. Immers het geldt hier niet een onderstand van korte duur of hulp voor het ogenblik. Wat wij aanbieden, is een verzorging voor de hele loopbaan van de jongen, een plaatsing onder gezagvoerders uit ons midden, een ondersteuning, die bij eigen wil hem tot stuurman of kapitein kan opvoeren. Een ondersteuning eindelijk, die in goede mate de noodzakelijkheid zou verminderen om allerlei vreemden als matrozen op Nederlandse bodems aan te nemen.
Deze mededeling M.M, H.H, beschouwt ze niet als een klacht onzerzijds. Ze geschiedt inderdaad en alleen om nogmaals op de aangeboden voordelen uw aandacht, die uwer vrienden en van onze stadgenoten te vestigen. Wij hebben ons tot plicht gesteld, bij de bekende wil onzer mede ingezetenen, om nuttige inrichtingen te ondersteunen, nog weder een bekendmaking te doen van een middel van bestaan in de boezem onzer gemeente, waarop velen uit de handelstand hun ondergeschikten zouden kunnen wijzen en daartoe medewerken.
Met de aanvang van dit jaar was de beurt van aftreding van de commissarissen W.J. Drewes en M. Backer, voor welke als commissarissen zijn benoemd de heren A.J. Limborgh en H. ter Voor. Beide heren hebben zich de opgedragen betrekking laten welgevallen. Op verzoek der commissarissen heeft de heer Drewes op zich willen nemen onze thesaurier te assisteren in zijn werkzaamheden, zomede om ons bij de inrichting van matrozen ten dienste van ‘s Lands Marine te blijven vertegenwoordigen en onze gemeenschappelijke verrichtingen of belangen aldaar te blijven waarnemen. Voor deze welwillendheid betuigen commissarissen de heer Drewes hun dank.
In het afgelopen jaar, het zevende sedert de oprichting, zijn 12 jongens uitgerust en geplaatst. Het gehele getal van de door de commissie verzorgde jongens bedraagt, van de beginne af 93. In de vorige verslagen hebben wij u enkele bijzonderheden omtrent de jongens medegedeeld; wij zullen daarmee thans voortgaan. Het is buiten de grenzen van ons verslag, dat gehele personeel nauwkeurig na te gaan.
Twee jongelingen, Sibrand Smit en Melle Melles, beide aangenomen in 1857, hebben hun schuld volledig afgedragen. Aannemende dat deze plichtsvervulling een blijk van goed gedrag is, zoude hun een getuigschrift ter hand kunnen worden gesteld, bij een gelijke tevredenheid der kapiteins, als die welke wij hebben, doch gemelde jongelingen zijn voor het ogenblik afwezig.
Derk Creemer aangekomen in 1859, is aan boord gegaan van het kofschip de GOUDVISCH, kapitein G.A. Jonkhof. Deze jongen had gekost aan uitrusting NLG 39,45, en verdiende 5 gulden per maand, van welk loon de kapitein op zich genomen had om in dit jaar 15 gulden aan onze thesaurier af te willen betalen. Intussen is dit schip met man en muis vergaan (opm: zie NRC 130760). De weduwe van de kapitein, de belofte van haar man kennende, heeft gemelde som aan onze thesaurier afbetaald. Wij vermelden dit als blijk van goede trouw bij zo grote ramp.
Willem Tammes Brink, op 10 januari 1860 uitgerust met NLG19,29½, heeft reeds in juli 10 gulden terugbetaald.
Minder gunstig vermelden wij Daniel de Jonge, die in februari 1859 door ons uitgerust in juli daaraanvolgend 10 gulden afbetaalde en daarbij liet weten dat hij afscheid van het varen nam zonder iets te hebben afbetaald, noch enige kledingstukken te hebben teruggegeven. Ook deze mededeling geschiedt opzettelijk, om er bij te voegen, dat commissarissen moedwillig nalatige jongens in het afbetalen hunner schuld niet uit het oog zullen verliezen.
De rekening en verantwoording over 1860 werd nagezien en wel bevonden door de heer J.Th. Doornbosch en J. Sanders bedragende: aan ontvangsten NLG 575,47½. en aan uitgaven NLG 435,32½, rest alzo meerder ontvangst NLG 90,15. We merken hierbij op, dat van de som, uit de kas van het collegie ter onzer dispositie over dit jaar komende geen gebruik is gemaakt, zodat al onze uitgaven uit het saldo van 1859 en uit terugbetalingen der jongens zijn bestreden.
Voorts kunnen wij met bijzondere erkentelijkheid vermelden dat Z. Kon. Hoogheid de Prins van Oranje ons zeer spoedig na het inzenden van het jaarlijks verslag van 1859 ter behoeve der inrichting een geschenk van NLG 50,- heeft toegezonden. Dankbaar voor dit geschenk als een krachtige steun voor onze kas, is dit hoogste bewijs van belangstelling ons nog in grotere mate aangenaam, als een bewijs, dat onze inrichting de aandacht van de kroonprins heeft getrokken, door hoogst dezelve wordt goedgekeurd en daadwerkelijk in bescherming wordt genomen. Met het hier voren aangevoerde zijn wij aan het einde van ons verslag.
Geen jaar, sedert de oprichting van het Collegie der Groninger Eendracht (opm: 1830), ging voorbij, gedurende hetwelk zo vele harde verliezen werden ondervonden als in 1860. Wisselvallig als de kansen van veler bestaan en bedrijf in het maatschappelijke leven zijn, staat in dit opzicht het zeemansleven bovenaan.
Moge Trouw, Eerlijkheid en Geschiktheid de leus zijn van onze Collegie-vlag. Moge lust en inspanning van krachten onze kapiteins bijblijven. Wie aan zijn eigen krachten wanhoopt, is reddeloos verloren. Moge zonneschijn op de kwade tijd volgen.
Gaarne zullen uw Commissarissen, overtuigd als zij jaarlijks meer en meer zijn van uw medewerking, blijven voortgaan met hun werkzaamheden in het belang van het door hen hooggewaardeerd zeemansbestaan.
Groningen, 12 januari 1861.
De Commissie tot het uitrusten van jongens uit de minvermogende stand als matrozen ter koopvaardij:
J.Th. Doornbosch; W.J. Drewes; M. Backer, secretaris; J.H. Wijnne; A. van Calcar, president; J. Sanders; F. de Witt; A.O. Nieveen; H. Beekhuis Damsté; A. Ellens; J.W.C. van Ittersum; G.J. Weijland.


20 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Katwijk aan zee, 18 januari. Van hier is vertrokken de bomschuit de DRIE GEBROEDERS, schipper M. de Vreugd, van de reder C. Schadde van Dooren, met gerookte bokking naar Oostende, en naar diezelfde haven mede met gerookte bokking de bomschuit de GEBROEDERS, schipper J. Plug, van de reder N. Haasnoot.
De bomschuit EBEN HAEZER, schipper en reder P. Guit, is vertrokken naar Texel, om van daar kaas te vervoeren naar Londen.
De bom DRIE GEBROEDERS, schipper J. Guit, van de reder F. Parlevliet, vertrekt heden naar Texel ter inneming en vervoer naar Londen van gelijke lading en de bom KOOPHANDEL EN ZEEVAART, schipper G. Guit, met slachtvee naar Yarmouth, reder C. van Duin.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Volgens telegrafisch bericht is het alhier te huis behorende schip (opm: bark) RESIDENT VAN SON, kapt. D. van der Hoff, van Batavia naar Amsterdam bestemd, heden lek en met verlies van zeilen, boot en verschansingen te Falmouth binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 januari. Het Nederlandse stoomschip ANNA PAULOWNA, kapt. P.D.H.D. de Haan (opm: kapt. Petrus Derk Hendrik Bernardus de Haan), van Amsterdam, laatst van Plymouth, naar de Middellandse Zee, is in de nacht van 15 dezer bij Kaap Spartel gestrand. De kapitein en zes man (opm: PGC noemt een aantal van vier) van de equipage zijn daarbij verdronken. Men is bezig de lading te bergen. (opm: zie NRC 270461, 020761 en 240861)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostende, 17 januari. De Nederlandse poonschuit DRIE GEBROEDERS (opm: schipper M. de Vreugd), eergisteren tegenover de Kur-Saal alhier aan de grond geraakt, is af- en zonder ogenschijnlijke schade in de haven gebracht.


21 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Noordwijk, 20 januari. Van hier zijn vertrokken met kaas naar Londen: gisteren de bom van de reder C. van der Schalk, DE TWEE GEZUSTERS, schipper A. de Jong, en heden de bom DE JONGE DIRK, schipper J. van Duin.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kjöge, 14 januari. De Belgische kof HARMONIE, kapt. Geiser, van Trelleborg met gerst naar Antwerpen, ligt voor Mose Flint ingevroren. Alles is in volmaakte order en de kapitein heeft de aangeboden hulp geweigerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 17 januari. De te Veendam te huis behorende kof RIKA, kapt. Puister (opm: RIEKA, kapt. G.D. Puister, zie ook NRC 230361), van Huelva naar Newcastle, is bij Kaap St. Vincent gezonken. De bemanning is gered.


22 januari 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 15 januari. Aangaande de Nederlandse schoenerbrikken AUGUSTA, kapitein Rabe, op 9 september van Archangel naar de Maas en LOUISE, kapitein Johansen, op 23 september van Riga naar Middelburg vertrokken (opm: zie NRC 020161), heeft men sedert niets meer vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Swinemünde (Swinoujscie), 17 januari. Alhier overwintert onder meer andere het schip JUFVROUW HILLEGONDA, kapitein Douwes (opm: kof JUFFER HILLEGONDA, kapt. C. Douwes), geladen met lijnzaad.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Plymouth, 14 januari. Aangaande het schip (opm: schoener) SIRENE, kapitein J.P. Schroot van Rotterdam naar Boston wordt gemeld, dat het op 8 december in de baai van Biscaye door bliksem was getroffen, waardoor de grote mast en de steng gekraakt, het gaffeltopzeil verbrand, het dek beschadigd en het koper op verschillende plaatsen boven water gescheurd werd, doch is thans, de bekomen schade in zo verre gerepareerd, dat het spoedig gereed zal zijn om de reis voort te zetten (opm: zie NRC 191260).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Staatscourant. In een schrijven van Zr.Ms. vice-consul te Melbourne d.d. 24 november 1860 komt het volgende voor:
Wegens een geval hetwelk ik heb gehad met het schip COSMOPOLIET, moet ik mededelen, dat ter voorkoming van alle onaangenaamheden voor de kapitein, in connossementen duidelijk moet geschreven staan At the Port of Melbourne ofwel In Hobsons Bay.
In geval echter de kapitein zelf het lichterloon te betalen heeft, moet worden ingevuld, at the wharf at Melbourne. Volgens uitspraak van de rechtbank alhier wordt Hobsons baai als de haven van Melbourne beschouwd. Voorts moet in het belang van Nederlandse reders en gezagvoerders van schepen herinnerd worden, dat volgens de Engelse wet het extenderen van protest, geenzins ten laste van de kapitein, maar geheel ten laste van de ontvanger of eigenaar der goederen komt hetgeen verreweg ook de meeste kapiteins geheel onbekend schijnt te zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Ten verzoeke van Trijntje Melles Slot, vrouw van Pieter Derks, zich noemende Van der Horst, varensgezel, vroeger gewoond hebbende te Groningen, doch thans afwezig, om na verloop van 3 maanden na heden en bepaaldelijk op vrijdag 19 april a.s.
Aangezien gedaagde op 31 oktober 1854 met de Groninger loodsboot No.1, gevoerd wordende door de kapitein Willem Hendriks de Boer, van Groningen is vertrokken en op 2 november daaraanvolgend in zee is gegaan en de daarop volgende nacht door de toen plaats gehad hebbende storm is overvallen.
Aangezien sedert die tijd, er van geen der manschappen van genoemde loodsboot enig bericht is ingekomen, zodat met reden verondersteld moet worden, dat allen in die nacht met de loodsboot no.1 zijn vergaan.
Aangezien er sedert die tijd, noch van zijn aanwezen, noch van zijn overlijden enig bericht is binnengekomen en er mitsdien rechtsvermoeden bestaat van het overlijden van gedaagde. Alles tot mogelijkmaking van een huwelijk van Trijntje Melles Slot. (opm: bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J. C. van Slooten, notaris ter standplaats Veendam, zal ten verzoeke van zijn principalen op woensdag 6 februari 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van de logementhouder D.E. Everts te Veendam bij contant geld, publiek veilen en verkopen: het in 1855 nieuw uitgehaalde Schoonergaljootschip genaamd ALPHARD, groot 114 ton, indertijd gevoerd door nu wijlen kapitein H.L. Roelfsema van Veendam. Met al de opgoederen en toebehoren, zoals gemeld. Het schip thans is liggende te Amsterdam. De inventaris der opgoederen zal vanaf heden af ten huize van verkoop en ten kantore van bovengenoemde notaris ter inzage liggen. Nadere informatieen omtrent het schip zijn te bekomen bij de heer A. Vennekool, scheepsbouwmeester op de werven het Schaap en Avontuur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De notaris Goslings te Harlingen, zal aldaar op woensdag 30 januari 1861, des namiddags te 3 uur provisioneel en des avonds om 8 uur finaal, telkens in het Heerenlogement van Minnema publiek verkopen: het snelzeilend Nederlands brigantijnschip EENSGEZINDHEID, volgens meetbrief lang 27 el, wijd 5 el 24 duim en hol 2 el 93 duim, geijkt op 184 ton (97 last), met al deszelfs rondhout, nieuwe masten en tuig, ankers, kettingen en verder complete inventaris. Geclassificeerd bij  Bureau Veritas, zodanig hetzelve is liggende in de haven van Harlingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het in 1851 zeer solied gebouwd en goed onderhouden snelzeilend tjalkschip genaamd NOOIT GEDACHT, groot 64 ton of 45 buitenlands. met complete inventaris liggende te Schouwerzijl, bevaren door en te bevragen bij de kapitein L.R. van der Meulen, aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op zeer aannemelijke voorwaarden uit de hand te koop of te huur: een aan het Oosterdiep te Veendam staande scheepstimmerwerf, waarop een grote nieuwe schuur, dito behuizing, tuin, hout. helling en toebehoren, thans wordende bewoond en gebruikt door Jan J. Pik aldaar, om te aanvaarden op 1 mei 1861.
Te bevragen bij de heer D.J. Hoen, te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 21 januari. Uit Delfzijl schrijft men ons, dat de equipage van het steeds aldaar liggende Spaanse barkschip ANGELITA, zich deze winter met zo goed succes in het schaatsrijden heeft geoefend, dat zij er overmorgen, woensdag, bij de heer B.P. Doornbos, op het Damsterdiep een wedloop zouden houden, om een aanzienlijke prijs en premie. Daar het heden echter vrij sterk dooit, valt dit plan als zo menig ander, dat op geen meer soliede grond was gebouwd in duigen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Waubert de Puiseau in de Lemmer zal op donderdag de 31e januari 1861, in het Heeren Logement aldaar, veilen en verkopen: een overdekt Hek Tjalkschip, de VROUW IDA genaamd, volgens meetbrief 83 tonnen, met deszelfs zeil en treil, staand en lopend want en complete inventaris, zoals hetzelve thans is liggende in de Zijlroede binnen de Lemmer en bevaren wordt door de eigenaar Roelofs Arends Steenbergen aldaar.
De veiling zal geschieden ’s voormiddags te 11 uur en de toewijzing zal worden gegeven ’s namiddags te 3 uur, terwijl men zich zowel tot bezichtiging van het vaartuig als ten aanzien der veilcondities bij genoemde notaris zal kunnen vervoegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op Ameland aan strand gespoeld zijnde de volgende goederen, als:
-  De 5e oktober 1860: een boot, zeil, giek, 2 watervaten, een roerpen, pomp, enig wrakhout, een naambord, waarop staat: HELENA VAN HARLINGEN.
-  De 8e oktober: een zeil, enig touw, twee stukken rondhout, een watervat, alles ongemerkt.
-  De 10e oktober: 115 delen en planken, merendeels gemerkt B.W, zo worden de eigenaren daarvan uitgenodigd een en ander te reclameren bij de burgemeester van Ameland.
(opm: van het kofschip HELENA, kapt. N.L. van der Wal, zie LC 091160)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een nieuw schip, lang 14 el of 50 voeten, wijd 3 el en 5 palm of 12½ voeten en hol 1 el en 4 palm of 5 voeten, groot zijnde 32 tonnen, staande zo goed als klaar in het Timmerhuis ter bezichtiging bij T.W. Kamp, scheepstimmerbaas te Drachten.


23 januari 1861


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag zal door de Weeskamer te Batavia publiek worden verkocht het halve aandeel in het alhier te huis behorende en ter dezer rede liggende brikschip JEANNETTE MARIA, kapt. A. Kuipers, metende 123½ lasten, toebehorende aan de boedel van wijlen Thomas Crane.
Batavia, de 21e januari 1861                                     Namens de Weeskamer,
de secretaris Van Berckel Bik


  JB - Javabode

Advertentie. De chef van het beheer over de Gouvernements gewapende vaartuigen, daartoe gemachtigd, maakt bekend, dat op een nader te bepalen dag te Soerabaija door tussenkomst van het vendu-departement zal worden verkocht de voor de dienst afgekeurde gouvernements-schoener ANADYOMÈNE met mastgestel, staand en lopend tuig, enz, zoals het vaartuig is liggende aan het Marine-Etablissement te Soerabaija, benevens de van dat vaartuig afkomstige voor ’s lands dienst afgekeurde inventaris-goederen. De verkoop van de romp geschiedt onder nadere goedkeuring van het Gouvernement.


  JB - Javabode

Soerabaija, 16 januari. Wij vernemen, dat het Nederlands-Indische schip ASSULTANIE, gezagvoerder Said Abdul Kadir Achmat, bestemd voor Singkawang ter overbrenging van 140 stuks slachtossen, ter hoogte van Pontianak door zwaar stormweder is teruggeslagen, bij welke gelegenheid 14-tal ossen zijn gestorven. Ter voorkoming van verdere ongelukken heeft de gezagvoerder het raadzaam geacht de terugreis naar Grissee aan te nemen, alwaar hij slechts met een 12-tal levende koebeesten is aangekomen.


24 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 22 januari. Gisterenavond is bij Kaap Hoofd gestrand en gezonken de Engelse sloep PLOUGH BOY, kapt. Austwick, van Hull met steen en dakpannen naar Londen bestemd. De stuurman is daarbij verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 20 januari. De gezagvoerder van het alhier gearriveerde schip ANNAPOLIS, rapporteert dat hij de 18e december op 36ºN.B. 60º W.L. gepraaid heeft de Nederlandse schoener RADBOUD, kapt. T.A. Ennen, van Rotterdam naar Philadelphia bestemd. Genoemd vaartuig had de fokkera en zeilen verloren en is door de ANNAPOLIS van provisie en water voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Volgens telegrafisch bericht van het Nieuwediep van heden zat bij de tweede ton aan de grond het schip DE IJSSEL (opm: fregat YSSEL), kapt. C. Maarschalk, van Batavia naar Amsterdam. Een stoomboot en schuiten waren ter assistentie afgezonden. Het weder is zeer mistig. Verdere bijzonderheden ontbreken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 januari. Door de Engelse regering is dezer dagen aan kapitein J.M. Bekkering, voerende het kofschip KLASINA ARENDINA, van WIldervank, een telescoop uitgereikt, wegens het redden en te Vlissingen aanbrengen, in november l.l, van de bemanning van het Engelse schip INTREPID.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Inverness, 16 januari. Het ijs in het kanaal is dik, doch men zal een sleuf maken voor wachtende schepen. Het schip GEZIENA REINA, kapitein Sap, van Riga, ligt nog aan het hoofd van Muir Basin.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Onder meer andere overwinteren te Stettin (opm: Szczecin) de schepen JANTINA, kapitein Ten Cate; REINA, Kruisinga en GEZINA, kapitein Krook.
Onder meer andere overwinteren te Harburg de schepen HILLECHIENA, kapitein Fijn, WESTERWOLDE, Lutter en ETJE, kapitein Mooi.


25 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het schip DE IJSSEL, kapt. Maarschalk (opm: fregat YSSEL, kapt. C. Maarschalk), van Batavia in Texel binnen, heeft bij de tweede ton aan de grond gezeten, doch is met hulp van een stoomboot en schuiten vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het schip AMSTEL, kapt. van Duyn (opm: kof DE AMSTEL, kapt. W. van Duyn), van hier naar Berdianski, is 23 december te Kertch aangekomen en heeft de reis voortgezet, doch is, door het ijs in de Zee van Azof verhinderd zijn bestemming te bereiken, te Kertch teruggekeerd om te overwinteren.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 24 januari. Uit een door de Groninger Courant medegedeelde statistieke opgave blijkt, dat op 1 januari 1860 in de provincie Groningen op 31 plaatsen 76 rederijen bestonden; het getal zeeschepen bedroeg 961, metende 106.869 tonnen; dat dat getal in 1860 is verminderd met 60, met, 7435 tonnen, en vermeerderd met 64, met 7565 tonnen, zodat er op 31 december ll., 965 schepen, met, 106.999 tonnen, waren; dat in 1860 zijn gebouwde 26 schooners en brikken, 28 galjoten en koffen, en 16 kleinere zeeschepen, te samen 70, met 8200 tonnen, tegen 70 met, 6514 tonnen, in 1859, en 88, met, 8142 tonnen, in 1858, en dat in aanbouw zijn 87 zeeschepen, met, vermoedelijk 6330 rogge lasten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en sterk schip, in 1853 nieuw uitgehaald, groot 21 ton, met complete inventaris.
Te bevragen bij de eigenaar A. Bos, turfschipper te Oudebildtzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: de gerechte helft van een beurtschip van Heerenveen op Sneek en Harlingen vice versa. Te bevragen bij de weduwe J.R. Roefstra te Nijehaske.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder A. Miedema te Sneek gedenkt op donderdag de 7e februari 1861, des namiddags 4 uur, in de herberg van H.P. Hilarides te Bolsward, tegen dadelijke betaling, publiek te verkopen: een voor ruim drie jaar nieuw gebouwd, sedert uitmuntend onderhouden overdekt Tjalkschip, de VIJF GEBROEDERS, groot 15 ton, met inventaris, thans liggende in de Trekvaart te Parrega; laatst bevaren door Jacob R. de Jong; dadelijk na de toewijzing te aanvaarden. Inmiddels uit de hand te koop; te bevragen bij voornoemden deurwaarder.


26 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 25 januari. Hedennacht is op de Banjaard gestrand de Franse logger JEUNE ADÈLE, met zinkerts van Ricasata (?) naar Antwerpen bestemd. De bemanning is gered. (opm: het vraagteken is van de redactie NRC)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 23 januari. Heden is alhier binnengelopen het schip SPRINGBOK, kapt. Shield, van de Kaap de Goede Hoop komende. Men vreest dat de lading wol in brand is geraakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 17 januari. Men is bezig met de berging van de lading van het Nederlandse stoomschip ANNA PAULOWNA, welke, als vroeger gemeld, op de reis van Amsterdam naar Marseille bij kaap Spartel gestrand is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 21 januari. Men hoopt de stoomboot ANNA PAULOWNA vlot te kunnen brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een nieuw tjalkschipshol groot ongeveer 63 ton.
Te bevragen bij de eigenaar en scheepsbouwer J.P. van Dam te Appingedam.


27 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 december. De tot 28 november lopende berichten uit de Zuider- en Oosterafdeling van Borneo behelst onder meer het bericht, dat Zr.Ms. stoomschip ADMIRAAL VAN KINSBERGEN de 9e november van zijn tocht naar de boven-Doesoen is teruggekeerd. Het stoomschip ONRUST, in 16 voet water liggende en onder een 6 voet hoge laag zand, werd door het doen springen van een kruitkist met 100 pond lading zo veel mogelijk vernield (opm: zie NRC 150360 en 120660).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 december. Sedert het vorig bericht hadden de volgende bevrachtingen plaats: TWEE CORNELISSEN (Nederlands) werd door de Factorij opgenomen en bekwam NLG 80 voor suiker, NLG 70 voor rijst te Pecalongan, Tagal en Cheribon, Samarang en Dadap te laden naar Rotterdam; MINISTER PAHUD (Nederlands) NLG 70 voor rijst alhier en NLG 70 voor koffij, NLG 80 voor suiker te Samarang te laden naar Rotterdam; STAD GOUDA (Nederlands) bekwam te Soerabaja NLG 80 voor suiker naar Rotterdam; HELENA EN ANNA (Nederlands) bekwam NLG 80 voor suiker te Soerabaja en te Passaroeang, NLG 70 voor rijst alhier te laden naar Rotterdam; GENERAAL DE STUERS (Nederlands) bekwam NLG 75 voor suiker en NLG 110 voor arak alhier te Soerabaja en te Passaroeang te laden naar Rotterdam; BROUWERSHAVEN (Nederlands) NLG 80 voor suiker alhier, leverbaar Dordt en NLG 65 voor koffij te Samarang en NLG 75 voor suiker te Soerabaja te laden naar Rotterdam; AMSTERDAM (Nederlands) laadt gedeeltelijk voor eigen rekening en verder à NLG 82,50 met suiker op de kust naar Amsterdam; CORNELIA (Nederlands) bekwam NLG 77,50 voor suiker en NLG 85 voor lichte goederen alhier en NLG 80 voor suiker en NLG 115 voor arak te Soerabaja te laden naar Amsterdam; MARIA CATHARINA (Nederlands) NLG 80 voor suiker en NLG 115 voor arak te Soerabaja te laden naar Amsterdam; ARGONAUT (Nederlands) bekwam NLG 80 voor suiker en NLG 70 voor thee, hier te laden naar Amsterdam; WILLEM KROONPRINS DER NEDERLANDEN (Nederlands) werd te Soerabaja gecharterd à NLG 80 voor suiker, te Probolingo te laden naar Amsterdam; EVA JOHANNA (Nederlands) bekwam NLG 75 voor suiker, NLG 70 voor rijst en NLG 100 voor arak alhier te Cheribon en Tagal te laden naar Rotterdam; MINISTER THORBECKE (Nederlands) NLG 65 voor koffij alhier en NLG 75 voor suiker alhier en op de kust te laden naar Amsterdam; LOUIS MEIJER (Nederlands) NLG 75 voor suiker hier en op de kust en NLG 65 voor rijst en koffij alhier te laden naar Amsterdam; ANTONIA GEERTRUIDA (Nederlands) NLG 75 voor suiker en NLG 67,50 voor koffij alhier en te Samarang te laden naar Rotterdam; MARINUS WILLEM NLG 75 voor suiker en NLG 65 voor rijst alhier en op de kust te laden naar Rotterdam; CALIFORNIA, (Nederlands) en ORTELIUS (Nederlands) werden opgenomen à NLG 80 voor suiker en huiden, te Soerabaja te laden naar Amsterdam; CORNELIS ANTHONIE (Nederlands) laadt te Samarang à NLG 75 voor suiker naar Rotterdam; J.C. SCHOTEL (Nederlands) bekwam NLG 75 voor suiker en NLG 65 voor rijst te Soerabaja te laden naar Rotterdam. LOUISE (Nederlands) NLG 75 voor suiker en NLG 65 voor koffij te Samarang te laden naar Amsterdam; MAGDALENA houdt de lading kolen in naar Padang à NLG 17 per ton.
De volgende schepen zijn nog disponibel: ULYSSES, 'T GOED VERTROUWEN, ALDEBARAN, PRINS HENDRIK, MARIA ADOLFINA, LOUISA, CORNELIA EN GEERTRUIDA (Nederlands).
De JAN PIETERSZOON KOEN (Nederlands) werd alhier voor NLG 21.000 met inventaris uit de hand verkocht (opm: zie NRC 130161).
De ULYSSES en PRINS HENDRIK (Nederlands) doen kustreizen, de MARIA MAGDALENA zette de reis naar Macassar voort.
De CHRISTIAAN (Hamburg) wordt ter verkoop aangeboden; OTTOLINA werd in Europa gecharterd; ISABELLA laadt voor bevrachters rekening.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 januari. De Franse schoener LA REINE, kapt. Lebreton, van Nantes met tarwe en boekweit herwaarts gedestineerd, is de 24e dezer bij Wijk aan Zee gestrand, doch het volk gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 22 januari. De gehele lading van het gestrande stoomschip ANNA PAULOWNA is gered, men weet echter nog niet in welke staat zij zich bevindt. Men is nu bezig met alles in het werk te stellen om het schip af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 december 1860. Door kapt. S. de Boer, voerende het Nederlandse barkschip ANTONIA GEERTRUIDA, 5 dezer van China alhier gearriveerd, heeft op de 30e november in de Macclesfield Straat, op de hoogte van Pulo Tjalaka, opgenomen en alhier aangebracht de gezagvoerder en de equipage (26 man) van het op de 29e november verongelukte schip HERCULEAN, kapt. Bell. Genoemd schip is ten N.N.O. van Pulo Liat op een klip gedreven en kort daarna gezonken. Het was beladen met thee en van Whampoa naar Liverpool bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 november 1860. Aangaande het verongelukken van het Nederlandse schip LOUIS, kapt. Hessels – zie NRC van 29 december 1860 – meldt men van Banka het volgende:
Op de 16e november zijn onder geleide van de kruisboot no. 41 van het eiland Lepar, te Muntok aangekomen de gezagvoerder J.P. Hessels, drie stuurlieden en veertien man equipage van het Nederlandse barkschip LOUIS, laatstelijk komende van Newcastle en bestemd naar Singapore. De gezagvoerder voornoemd heeft verklaard, dat hij op de 3e juli j.l. met een lading steenkolen de haven van Newcastle (Engeland) heeft verlaten en op de 1e november tot op de hoogte van het eiland Lepar was gekomen, toen het vaartuig op de klip Malang Hioe ten oosten van gemeld eiland vast raakte met dat gevolg dat het op de 3e daaraanvolgende zonk. Hij heeft daarop met de bemanning (opm: PGC 310161 meldt bestaande uit drie stuurlieden en veertien matrozen) het schip verlaten en is, na op Lepar een paar dagen te hebben vertoefd, de 16e november te Muntok aangekomen. De gezagvoerder heeft wijders verklaard, dat hij voor zijn vertrek van laatstgenoemd eiland het wrak van het schip en enige weinige aan wal gebrachte provisie voor een som van NLG 700 heeft verkocht aan het hoofd van Lepar, met name Mas Agoes Mohamad Assik, zijnde van de lading niets kunnen geborgen worden.


28 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 25 januari. Het Nederlandse schip (opm: kof) WESTERSCHOUWEN, kapt. Boon, van Newcastle naar Plymouth, is alhier binnengelopen na op het Shipwash Sand aan de grond gezeten te hebben, doch heeft ogenschijnlijk geen schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 24 januari. De Nederlandse kof JANTJE GOOSENS, kapt. Leisler (opm: galjoot, kapt. M.F. Leisler), van Sevilla naar Liverpool, is hier zwaar lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 6 december. Het Nederlandse schip (opm: bark) SOOLO, kapt. P.C. van der Meulen, van Batavia naar Amsterdam, is hier 30 november lek binnengelopen. De 2e december werd het schip nagezien en men besloot de lading te lossen om te repareren. Bij een tweede onderzoek dat gisteren ingesteld werd, bevond men dat het lek gestopt was en het schip zal nu, na gekalefaat te zijn, de lading weer innemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 12 december. Al de tin, door het schip (opm: bark) WATERGEUS, kapt. H.R. Giezen, op de reis van Banka naar Soerabaja overboord geworpen, is weer opgevist en gedeeltelijk alhier aangebracht.


29 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 januari. Volgens telegrafisch bericht uit Soerabaija, via Batavia, was het barkschip KAAP HOORN, kapt. L.J. Dik, de 10e december met een noodtuig aldaar gearriveerd, hebbende gedurende de reis de bezaansmast, de fokke- en grote ra, enz, verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 24 januari. Het Nederlandse schip (opm: bark) CELEBES, kapt. F.H. Reuvekamp Gille, van Amsterdam naar Soerabaija, dat de 3e dezer met schade alhier binnenliep doch de 17e, na gedane reparatie deze haven weder verliet, is heden met gebroken roer uit zee geretourneerd.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop een solide kofschip, gemeten 94 tonnen. Te bevragen bij den makelaar K.J. Hagenzieker, of bij den scheepsbouwmeester J.L. Ceuvel.
(opm: JONGE BRECHTUS, zie PGC 080161; na verkoop verdoopt tot ILBINA, kapt. Ties Fokkes Bloema)
PGC 290161
Amsterdam, 25 januari. Het schip (opm: brik) MATHILDA, kapitein J.H. Fekkes zou heden van Napels naar Girgenti (opm: Porto Empedocle) vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Porthleven (Cornwall), 22 januari. Alhier is aangespoeld een fles, waarop het volgende bericht, bij Lezard 16 januari: de Nederlandse bark MARIA DIEDERIKA, kapitein A. van Marion, van Newcastle naar Java, alles wel aan boord.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Bij vonnis der Arrondissement Rechtbank te Heerenveen, van de 24e januari 1861, is aan de heer Mr. Philippus van Blom, op zijn daartoe gedaan verzoek, eervol ontslag verleend als curator in het faillissement van Bartele Pieters Cats, scheepstimmerman te Nijehaske, en bij vonnis ven dezelfde dagtekening als zodanig benoemd Mr. J.A. Willinge Prins, advocaat te Heerenveen.
J.A. Willinge Prins, Curator


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Er worden uit de hand te koop, of tegen overeen te komen aflossing, in huur aangeboden: Drie hechte en sterk gebouwde Kofschepen, met de in uitmuntende staat daarbij voorhanden inventaris, groot respectievelijk 117, 114 en 105 tonnen, varende in het van ouds gerenommeerde beurtveer van Lemmer op Amsterdam vice versa; liggende twee derzelve in de haven van Lemmer en een aan de steiger te Amsterdam.
Gegadigden adresseren zich, bij franco aanvrage, aan de heren beurt commissarissen Broekman te Amsterdam en Koopmans te Lemmer, zomede aan de notaris A.T. Haagsma te Leeuwarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. 2 schepen te koop, zijnde een heden nieuw gemaakt, overdekt Praamschip, met roef enz, groot 11 à 12 ton, met of zonder tuig, en een halfsleten Tjalkschip, groot 26 ton, bij O.L. Lantinga, Scheepsbouwmeester te IJlst.


30 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Het schip HENRIETTE LOUISE, kapt. Meijerdirks q.q. (opm: brik HENRIETTE LOUISA, kapt. H. Meyerdirk), zou volgens brief van de kapitein in dato Tiensing 21 november, binnen zes dagen van de Peiho-rivier met een lading paarden naar Shanghay vertrekken. Aan boord alles wel.


  JB - Javabode

Het schip (opm: bark) DELFSHAVEN, kapt. C. Schaap, is de 22e januari 1861 van Soerabaija naar Panaroeken vertrokken, alwaar het de 24e dito is gearriveerd.
(opm: zie NRC 280360; de bark lag een jaar ter rede van Soerabaija en vertrok op 14 februari 1861 van Panaroekan naar Nederland)


31 januari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Het ijs op de benedenrivier drijvende is zeer onbeduidend. Het eerste zeilschip, de schoener BIAFFRA, kapt. M. Evenwel, van de Z.W. kust van Afrika komende, is hedenavond van Hellevoetsluis voor de stad gearriveerd. Het vertrok ten 10 ure van Hellevoetsluis. Men verwacht dat morgen de andere schepen zullen opkomen. Boven de Plantage zat het ijs heden nog vast.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Middelburg, 28 januari. Volgens bericht van Soerabaija in dato 8 december 1860 was het schip (opm: bark) WESTKAPELLE, kapt. A.B. Crucq, toen grotendeels beladen en dacht men weinige dagen later de terugreis aan te nemen. Daar ter rede liggende, was die bodem enige schade aan het tuig toegebracht door het Engelse schip CROUCH BROTHERS. De schade was echter vergoed.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. R.IJ. Muller, notaris te Groningen, zal op dinsdag 12 februari 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van mejuffrouw de Wed. G.F. Rasker op de Hoek van het Ameland, publiek worden verkocht:
1.  Het in 1860 nieuw uitgehaalde galjootschip, genaamd ANNECHIENA ANTIENA, groot 62 ton of 50 roggelasten, met masten en touwwerk, staand en lopend want, liggende in de Zuiderhaven te Groningen, toebehorend aan kapitein A. Rozema.
2.  Een overdekt tjalkschip genaamd de VROUW GRIETJE, groot 80 ton, met opgoed en toebehoren, liggende in de Noorderhaven te Groningen, toebehorende aan en bevaren door kapitein D.S. Dost.
Beide om te aanvaarden 8 dagen na de toeslag. Nadere informatie bij Mr. R.IJ. Muller, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Een wel onderhouden tjalkschip, met toebehoren, groot 55 ton, liggende te Loppersum en te bevragen bij K.J. Spithoff aldaar.


01 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 28 januari. Het schip (opm: brik) MARIA JOHANNA, kapt. C. Ouwehand, van Buenos Ayres naar Antwerpen, alhier binnen, heeft op de reis schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 januari. In de nacht van de 6e op de 7e januari strandde onder Duinkerken de Nederlandse schoener THORBECKE, kapt. P.H. Witting (opm: zie NRC 140161). De bemanning werd gered.
Omtrent de redding en verpleging vernemen wij de volgende bijzonderheden, ontleend aan een rapport van de heer Cousin, president van de Société Dunkerquoise pour l'Encouragement des Sciences, des Lettres et des Arts:
Na gedurende de nacht de angstkreten van de schepelingen te hebben gehoord, ontdekte men hen des morgens van de douanepost du Clipon, gemeente Loon, in de masten van het zinkende vaartuig. Een bode werd dadelijk naar Grevelingen (opm: Gravelines) gezonden om de marine-autoriteit aldaar te verwittigen en hulp van manschap en vaartuigen te verzoeken. Intussen lagen nog een paar sloepen van vroeger vergane schepen een goed eind wegs ver op het strand. Op aanvraag om paarden tot vervoer van deze boten bij de landbouwer Isaert, snelde deze onmiddellijk toe met paarden en volk. Spoedig waren de boten ter plaatse en zover mogelijk in zee gebracht. Zeelieden uit het fort Philippe, onder de leiding van de loods Lepretre, begaven zich in die vaartuigen en stuurden op de THORBECKE aan. Twee malen mislukte de poging om het schip te naderen, en de toeschouwers aan het strand verkeerden in de grootste angst voor de schipbreukelingen en de edele redders. Bij een derde poging gelukte het zó nabij het schip te naderen om een tros aan boord te brengen. Door dit middel kwamen er vier man in de boot. Een vijfde zat in de fokkemast. Men kon niet bij hem komen. Diensvolgens werden de vier geredden eerst aan wal gebracht. Toen opnieuw in een andere koers de tocht ondernomen, en het gelukte ook de vijfde, de kapitein, te redden. Reeds menende dat men hem aan zijn lot moest overlaten, had hij zich van zijn kleren ontdaan, om zo mogelijk het strand te bereiken.
De geredden, die een zo verschrikkelijke nacht hadden doorgebracht, werden allen menslievend opgenomen en met liefderijke zorg verpleegd bij de reeds genoemde landbouwer Isaert, vanwaar de Nederlandse vice-consul hen met rijtuig naar Duinkerken heeft afgehaald. Aandoenlijk was het afscheid van de geredden van hun redders en verplegers. De Nederlandse consul heeft verder gezorgd voor al wat zij behoefden, huisvesting, voeding en nieuwe kleding, in plaats van die, welke zij reeds van de familie Isaert hadden ontvangen.
Bij deze redding hebben zich onderscheiden: Agnieray, kustwachter, Lepretre en Engrand, loodsen, Vandenbussche, Gilliot, Evrard, Jannequin, Ghys, Matorez en Wadou, matrozen, de landbouwers Isaert, Anauez, Dutriaux, en de heer Decreus, chef der marine te Grevelingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Heerenveen, 25 januari. De Friesche Maatschappij tot Onderling Verzekering van Schepen, alhier gevestigd, heeft gisteren hare 123ste jaarlijkse vergadering gehouden, die door een aanzienlijk getal deelgenoten werd bijgewoond.
Uit het verslag der directeuren bleek, dat de maatschappij in het afgelopen jaar weder enige uitbreiding had verkregen. Ze telde op het einde des vorigen jaars 125 deelgenoten, die NLG 365.900 verzekerd hadden. De schade was gering geweest en kon met een omslag van 63 cent van elke NLG 1000 ingeschreven kapitaal worden gedekt.
Er is besloten art. 21 van de statuten te wijzigen, en zal nu vergoeding van schade plaatst hebben, wanneer ze NLG 90 bedraagt, in plaats van NLG 120. Art. 36 heeft mede een wijzing ondergaan. Een ingediend voorstel om bij de omslag der schade een andere maatstaf aan te nemen werd, na enige beraadslagingen, bij acclamatie verworpen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een schip, groot 18 ton, met tuig en verdere aanhorigheden, zoals hetzelve door de eigenaar is bevaren, liggende te Heerenveen en te bevragen bij Joh. Roefstra aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. Horat Albarda, notaris te Leeuwarden, zal op donderdag de 14e februari 1861, provisioneel en woensdag de 20e dezer maand, finaal, telkens des namiddags 5 uur, bij Brouwer in het Schippershuis te Leeuwarden, publiek verkopen: een overdekt Snikschip, de JONGE HETTE, bevaren wordende door Sjoerd Hettes de Vries, met mast, touwwerk, luiken, haak, boom en verder aanbehoren, gemeten op 9 ton, zullende bij open water op de verkoopdagen voor het Schippershuis liggen.
Informatie te bekomen ten kantore van de notaris.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris P. Boltjes te Grouw zal op zaterdag de 9e februari 1861, des namiddags ten 3 uur, ten huize van de weduwe Westra, kasteleinse te Warrega, onder uitloving van strijk en verhoog geld, provisioneel verkopen: een wel onderhouden Tjalkschuitje, met zeil en treil, genaamd de JONGE TJERK, groot 14 tonnen, varende als veerschip van Warrega op Sneek; te aanvaarden na de finale toewijzing.
(opm: LC 120261 meldt dat inmiddels is geboden NLG 1.201)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie: De notaris G. Boschloo te Heerenveen zal op vrijdag de 8e februari 1861, ’s avonds 6 uur, ten huize van de kastelein Sterk te Terbandsterschans, veilen: een overdekt Hek Tjalkschip, genaamd de VRIENDSCHAP, groot 48 tonnen, met zeil en treil, staand en lopend want en verdere inventaris; liggende aan de Heerenwal te Nijehaske.
(opm: LC 150261 meld dat geboden is NLG 500)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E.T. Kuipers zal publiek, bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen:
1.  Een huizing te Bolsward.(opm: bekort)
2.  De helft in een goed onderhouden Snik Veerschip, groot 10 ton, met staand en lopend want, zeilen en verder toebehoren, varende in het veer van Franeker op Bolsward v.v, benevens de helft in voormeld veer, zodanig en in voege hetzelve door de eigenaar I. Popma wordt gebruikt; de 1e mei 1861 te aanvaarden.
Wie gading maken, komen op zaterdagen de 9e februari 1861, bij de beschrijving, in den Nieuwen Aanleg bij I. de Vries te Bolsward, en de 23e dito, bij de finale toewijzing, in de Valk bij I. de Boer aldaar, telkens des avond 7 uur.


02 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Wij ontlenen het volgende aan een particulier schrijven van kapt. H. Hagers, voerende het schip (opm: bark) DUIVELAND, d.d. Brouwershaven, 28 januari:
Hedenmorgen ten 9 uur zijn wij gelukkig en wel alhier gearriveerd, nadat wij 3 dagen zonder loods aan boord op de kust hebben rondgezwalkt. In het Kanaal vond ik geen loodsboot, daar zij naar huis was gegaan en op de kust was er ook geen te vinden. Zaterdag (opm: 26 januari) heb ik getracht binnen te komen, doch kwam beneden het Brouwershavense zeegat en moest met dubbel gereefde marszeil weder zee kiezen. Zondag was het weer zeer dik en mistig. Hedennacht was ik ten 2 uur weder voorgaats en toen kwam de stoomboot BROUWERSHAVEN uit, die ik aannam om mij binnen te slepen, en deze bracht mij hedenmorgen ten 9 uur alhier ten anker. Binnen de buitenton kwam de zeeloods aan boord. (Wij geloven de bevoegde autoriteit op het bovenstaande opmerkzaam te moeten maken, daar het en wel vooral in dit jaargetijde onverantwoordelijk is dat geen loodsboten buitengaats op haar posten zijn. De redactie.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het schip (opm: brik) VRIJE HANDEL, kapt. J.J. Lupkes, van Ibraïl te Falmouth binnen, heeft wegens het ankeren van een ander schip schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwe Pekela, 30 januari. Donderdag 24 januari j.l. vierde het Zeemanscollegie ‘Voorzorg’ te Nieuwe Pekela gedachtenis van zijn tienjarig bestaan in een openlijke vergadering met vrouwen. Het tienjarig verslag, door de secretaris bij die gelegenheid uitgebracht gaf de talrijk opgekomen vergadering de ruimste stof zich over de bloei van het Collegie te verblijden. Daaruit bleek onder andere, dat het getal der gewone leden van 99 tot 176, dat der buitengewone leden van 154 tot 339 was opgeklommen. Aan 11 weduwen en wezen is gedurende de eerste vier jaar van zijn bestaan NLG 4.400, en aan 22 weduwen en wezen en 2 oude kapiteins insgelijks NLG 4.400 in de laatste 6 jaren, dus totaal NLG 8.800 uitgekeerd.
Door de bloeiende staat van het vaste fonds mag het Collegie gerust zijn verdere toekomst tegemoet zien. Het Collegie heeft gedurende dat tijdvak aan 32 jongens van behoeftige ouders een renteloos voorschot verleend ter bekoming van een eerste uitrusting naar zee. De feestelijke stemming der vergadering werd nog verhoogd door de plechtige uitreiking van een prachtige pendule, bij monde van de president, de heer burgemeester L.J. Wolthers, aangeboden als een bewijs van erkentelijkheid voor de door hem in het afgelopen tienjarig tijdvak aan het Collegie bewezen diensten. Nog lang zal deze vergadering, als een der genoeglijkste in de geheugenis der leden bewaard blijven.
Moge het Collegie ‘Voorzorg’, bij steeds toenemende bloei, nog lang onder de nuttige inrichtingen van Nieuwe Pekela  een eervolle plaats innemen.
(opm: Het in bovenstaand verslag geïndiceerde jaar van oprichting 1851 behoeft nadere uitleg. In 1823 werd een College opgericht dat wellicht een voortzetting was van het in 1712 in de Pekela’s opgerichte Groot Compact, een onderlinge verzekerings-maatschappij. Dit College zonder naam is vermoedelijk in 1851 voortgezet in het College ‘Voorzorg’ te Nieuwe Pekela.)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam 30 januari. Volgens brief van kapitein P. Burggraaf, voerende het schip (opm: fregat) JUPITER, in dato Panaroukan 6 december zou hij binnen 4 à 5 dagen van daar via Banjoewangi naar Nederland vertrekken. Aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten, gedenkt op donderdag 21 februari 1861, des avonds te 5 uur, ten huize van de logementhouder D. Randa Mulder, te Winschoten in openlijke veiling te verkopen: het Nederlandse Schooner Kofschip genaamd CORNELIUS DASSE VIËTOR, dusver door kapitein O.A. Borgman bevaren, met de daarbij behorende opgoederen en toebehoren, groot 321 ton, thans liggend te Amsterdam.
Breder omschreven op de inventaris, welke 14 dagen bevorens op de gewone plaatsen ter lezing zal worden gelegd en van die tijd af op franco aanvrage verkrijgbaar zal zijn ten kantore van de notaris.
Mr. B. Haitzema Viëtor


03 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Volgens particulier bericht van heden is van Brazilië te Cadix gearriveerd het schip MALVINE, kapt. Hoogerwerf (opm: schoener MALVINA, kapt. J. Hoogerwerf). Het zou naar Marseille verzeilen.


04 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 26 januari. Het Nederlandse schip JANTJE GOOSENS, kapt. Leister (opm: galjoot, kapt. M.F. Leisler), dat op de reis van Sevilla naar Liverpool alhier lek binnen liep, is bezig de lading te lossen.


05 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 februari. Men zegt dat in de loop dezes jaars de stoomboten DJAMBI, BROMO en SINDORO in dienst zullen worden gesteld, en noemt als commandanten daarover de kapt.-luitenant ter zee M.H. Jansen, J.J. Wichers en de luitenant ter zee 1e klasse J.M. de Jong.
In Hellevoetsluis ondervindt door het strenge weder en de gestremde gemeenschap het gereed maken van de met 1 en 16 januari in dienst gestelde schroefstoom-flottielje-vaartuigen DE BERKEL en DE VECHT veel vertraging, vooral van het laatst gemelde waarvan de equipage uit Vlissingen moet komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 februari. Het schip CHRISTIAN HEINRICH, kapt. Duwell, van Newcastle met steenkolen naar Genua, bij Kamperduin gestrand, is, volgens brief van Egmond aan Zee van de 2e dezer, hoger op strand gedreven. Men was bezig de inventaris te bergen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr.H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl zal op schade en bate van Jan Pieters Stuitje in het logement van de Wed. Vos & Zn, te Delfzijl, op dinsdag 5 maart 1861, des avonds te 7 uur, publiek verkopen: het Nederlandse tjalkschip JOCHEMIENA VAN FARMSUM (opm: JOGCHEMINA, thuishaven Farmsum, kapt. Jan Pieters Stuitje, volgens de verkoopakte aan Tewes Roelfs van Streun te Delfzijl), groot 41 ton, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen en touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften, zoals hetzelve zich thans bevindt op de scheepstimmerwerf te Termunterzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Waubert de Puiseau in de Lemmer zal op donderdag de 21e februari 1861, in het Heeren Logement aldaar, veilen en verkopen: een overdekt beurtschip de JONGE SIEBOLT genaamd, als veerschip gevaren hebbende tussen de Lemmer en Dokkum, groot 18 tonnen, liggende in de Lemmer, met zeil en treil en daarbij behorende inventaris, zijnde inmiddels uit de hand te koop, te bevragen bij de eigenaar A.T. Ligthart aldaar; dadelijk na de toewijzing te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden overdekt gewegerd Tjalkschip, groot 21 ton, met deszelfs uitmuntende inventaris, liggende in de Stadsgracht te Sneek; te bevragen bij de deurwaarder Van der Wal aldaar.


06 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Volgens brief van kapt. J. Hofker, voerende het schip (opm: schoenerbrik) JOSEPHINE, van Suriname, via New York, in Texel binnen, had hij gedurende de gehele reis voortdurend slecht weder doorgestaan en daardoor verscheiden bladen koper, de kluiverboom, voorstengstagzeil, een gedeelte van de verschansing, enz. verloren; verder veel schade aan schip en tuig bekomen en vreesde hij voor schade aan de lading. Overigens was aan boord alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 3 februari. Het alhier gearriveerde Nederlandse brikschip AGATHA, kapt. A.E. Zeilinga, van Triëst naar Hamburg gedestineerd, heeft gisteren op de Beneden-Elve aan de grond gezeten, doch is heden na ontlossing van een gedeelte van de lading, met assistentie van een stoomboot, vlot en zwaar lek alhier in de haven gebracht. (opm: vergelijk PGC 090261)


  JB - Javabode

Uit een goede bron vernemen wij, dat het schip TWEE ANTHONY’S, kapt. Van Rijn van Alkemade (opm: fregat, kapt. C. van Rijn van Alkemade), komende van Rotterdam en bestemd naar Batavia, gepasseerde nacht bij Anjer aan de grond is geraakt. De passagiers bevinden zich allen aan wal. Door de goede zorg van de overste Van der Banck is de gouvernements-stomer JAVA onverwijld naar de plaats van het ongeval gezonden om hulp te bieden, terwijl de agenten met hetzelfde doel hebben ingehuurd de stoomboot BANDA, die reeds op weg derwaarts is. (opm: zie JB 090261, 130261 en latere NRC-berichten)


07 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 februari. Het schip (opm: bark) RESIDENT VAN SON, kapt. D. van der Hoff, van Batavia naar Amsterdam, alhier binnengelopen, is zwaar lek. De lading wordt onmiddellijk gelost en zal met lichters worden vervoerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Volgens bericht van het Nieuwe Diep van gisteren, was de stoomboot BERENICE, van Genua, en het schip (opm: bark) CUBA PACKET, kapt. A.A. Harken, van Cardenas, beiden naar Amsterdam, langs het kanaal opgevaren en was de haven vrij van ijs.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 29 januari. Het alhier van Newcastle gearriveerde Nederlandse schip DONATI, kapt. Lindhorst (opm: brik, kapt. J.R. Linthorst), heeft 14 december door aanzeiling met een Engelse schoener enige schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, als lasthebbende van hunne meester, zijn van mening op dinsdag 26 februari 1861, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend Nederlands gekoperd en kopervaste, in 1854 gebouwde, barkschip KONING EN VADERLAND, laatst gevoerd geweest door kapitein B.A.T. van Bruggen, volgens meetbrief lang 35 el 45 duim, wijd 6 el 30 duim, hol 5 el 2 duim, en alzo groot 498 tonnen of 263 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Haringvliet, Zuidzijde, te Rotterdam.
Voorts zal nog afzonderlijk geveild worden een chronometer, benevens een partij kaarten en boeken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. A. Muntinghe Cleveringa, notaris te Appingedam, zal ten verzoeke van M.B. Lutter op donderdag 14 februari 1861, ten huize van kastelein N.W. Bos te Appingedam publiek verkopen: het Nederlande kofschip WESTERWOLDE, groot 94 ton, thuisbehorend te Appingedam, bevaren wordende door genoemde M.B. Lutter, thans liggende te Harburg, met staand en lopend touwwerk, ankers, kettingen en verder toebehoren, geregistreerd bij Veritas 3/4 G 2.1, waarvan de inventaris en de verkoopconditiën bevorens ter lezing zullen liggen ten huize van verkoop, alsmede bij de heer J. van Delden te Delfzijl en ten kantore van Mr. A. Muntinghe Cleveringa.


08 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 februari. Zr.Ms. transportschip DE HELDIN, onder bevel van de luit.t.zee 1e kl. P. Toutenhoofd, laatst komend van Port Mahon, is in de morgen van de 7e dezer ter rede van Texel aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 7 februari. Heden arriveerde alhier van Londen het stoomschip PAULINE. (opm: dit is waarschijnlijk het stoomschip PAULINA, aangekocht door de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij en verdoopt in VESTA, zie NRC 140361)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Kofschip, groot 21 ton, oud vijf jaar, met complete inventaris (welke 2 jaar oud is); liggende te Bakkeveen bij Jan Eizes Hoekstra, beurtschipper aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een in bewerking zijnde Tjalkschip, lang 12,212 el (43 voet), wijd 3, 124 el (11 voet), bij E. Holtrop van der Zee, scheepsbouwer te Joure.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw schip, lang 16,470 el (58 voet), wijd 3,640 el (12 voet 10 duim), hol 1,490 el (5 voet 3 duim) bij P.W. Boorsma, scheepstimmerman te Oostermeer.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal op woensdag de 20e februari e.k, des namiddags ten 3 ure precies, provisioneel, en des avond precies ten 9 ure, finaal, telkens in het Heeren Logement van Douwe Minnema aldaar, publiek veilen en verkopen: het welbezeild Nederlands Kofschip, GRIETJE genaamd, gemeten op 122 tonnen of 64 lasten, met al deszelfs rondhout, opstaand en lopend want, zeilen, ankers, touwen, kettingen, koks gereedschappen en verdere complete inventaris, bevaren wordende door de gezagvoerder Jan K. Burghout en zodanig als het is liggende in de Noorderhaven te Harlingen.


09 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 2 februari. De Nederlandse kof HARMONIE, kapt. W. Kayzer, met gerst van Trelleborg naar Antwerpen, is gisteren met schade alhier binnengebracht, hebbend bij Kjöge in het ijs gezeten. Het zal moeten lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 6 februari. De Nederlandse schoener PHILADELPHIA, kapt. A.R. Winters, van Livorno met marmer en olie naar Antwerpen bestemd, is 5 mijl ten westen van deze plaats gestrand (opm: PGC 120261 meldt stranding 5 mijlen ten oosten van Malaga; zie ook NRC 200261).


  JB - Javabode

Omtrent de bij Anjer aan de grond geraakte TWEE ANTHONY’S (opm: zie JB 060261) vernemen wij, dat alle passagiers hier gisteren per BANDA behouden zijn aangekomen. Hunne bagage is grotendeels gered, gelijk ook de NLG 200.000 gouvernements specie (opm: muntgeld). Men is nog druk bezig aan de berging der lading en dacht men, als het weder goed bleef, nog veel te kunnen redden.


  JB - Javabode

Het schip (opm: bark) KOOPHANDEL, laatst gevoerd door kapt. L. Crevecoeur, groot 282 lasten, gebouwd in 1849 en in september l.l. te Rotterdam in veiling voor NLG 36.000 opgehouden, is door de heren Van Maanen & Co aldaar uit de hand gekocht en zal na volbrachte reparatie gevoerd worden door kapt. C. Johan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip (opm: brik) AGATHA, kapitein A.E. Zeilinga, van Triëst naar Hamburg, is volgens brief van de kapitein in dato Cuxhaven 3 februari, bij het binnenzeilen van de Elbe in het ijs bezet geraakt, waardoor de boegpoort werd ingedrukt en men genoodzaakt was het schip op het strand te zetten, doch waarvan het met assistentie van een stoomboot weder af en te Cuxhaven werd binnengebracht. Nadat de boegpoort voorzien was geworden, was het schip dichtgebleven en had ogenschijnlijk weinig geleden. De lading wordt gelost. (opm: vergelijk NRC 060261)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brouwershaven, 4 februari. Het schip (opm: bark) RESIDENT VAN SON, kapitein D. van der Hoff, van Batavia naar Amsterdam, is zwaar lek, de lading wordt onmiddellijk gelost en zal met lichters worden vervoerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Triëst, 29 januari. Het schip (opm: brigantijn) DONATI), kapitein J. Linthorst, van Newcastle alhier aangekomen, had wegens aanzeiling schade aan masten, tuigage enz. bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ryde (W), 3 februari. Het schip EMMA MARTHA, kapitein Korfker (opm: kof ANNA MARTHA, kapt. H.B. Korfker), van Lissabon naar Hamburg, ligt nog aan de Mothersbank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Algemene kennisgeving
Na een lange tijd tussen hoop en vrees verkeerd te hebben omtrent het lot van onze beminde zoon Johannes Augustinus, op 11 augustus 1860 van Kroonstad vertrokken met het schip (opm: galjoot) DIANA, kapitein E.R. Giezen, bestemd naar Amsterdam, van welke bodem niets is vernomen, moeten wij thans tot de treurige veronderstelling komen, dat die bodem met de gehele equipage is vergaan en alzo onze beminde zoon, in de bloeiende leeftijd van 22 jaar in de golven zijn graf heeft gevonden. Hoe samartelijk deze vermoedens ouders, broeders en zusters treffen, kunnen alleen diegenen beseffen die zich in soortgelijke toestand hebben bevonden. We hopen intussen Gode te zwijgen en te berusten in de onverklaarbare wegen Zijner Voorzienigheid.
Groningen, 8 februari 1861                H.G. Dopheide en C.J. Dopheide


10 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 7 februari. Aangaande de Veendammer galjoot DIANA, kapt. E.R. Giezen, de 11e augustus laatstleden van Kroonstad naar Amsterdam vertrokken, heeft men sedert niets vernomen. (opm: zie PGC 090261)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 8 februari. Aangaande het schip CATHARINA (opm: vermoedelijk buitenlander), 27 september 1860 van Haïti naar Antwerpen vertrokken, vernam men sedert niets.


11 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar, 3 februari. Het alhier van Napels gearriveerde schip ANNECHINA, (opm: galjoot ANNECHIENA)  kapt. P.E. van der Wijk, is bij het inkomen in aanzeiling geweest met de oorlogsstoomboot ORION, en heeft daarbij voorsteng en kluiverboom verloren.


12 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, als last hebbende van hunne meester, zijn van mening op dinsdag de 5e maart 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, No. 499, publiek te veilen het snelzeilend Nederlands, in 1856 gebouwd, kopervast en gezinkt schoenerschip TWEE VRIENDEN, gevoerd door kapt. N. Meijer, volgens meetbrief lang 28 el 95 duim, wijd 4 el 44 duim, hol 2 el 98 duim, en alzo groot 170 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals het schip ligt in de Leuvehaven, nabij de Brandsteeg, te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hamburg, 8 februari. Gister zijn reeds twee zeilschepen door stoomboten gesleept, alhier aan de stad gekomen. Het vuurschip bij Krautsand heeft gister zijn ligplaats weder ingenomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 10 februari. Naar wij vernemen is het vertrek der Groenlandsvaarder DIRKJE ADEMA, aan de firma Barend Visser alhier toebehorende, weder spoedig op handen. Morgen over 8 dagen komt de bemanning reeds aan boord en kort daarna kan de uitvaart plaats hebben.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. College “Zeemans Voorzorg” te Harlingen.
Algemene vergadering op donderdag de 14e februari 1861, ’s avonds ten acht uur, in het gebouw de Harmonie, tot bijwoning waarvan alle leden worden uitgenodigd.
Namens de directie,                                      D. Fontein Pieterszn, president,
J. Foekens, secretaris


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het ½ gedeelte van een geoctrooieerd beurtschip varende van Drachten op Sneek en Leeuwarden. Eigen aan de weduwe R.G. Zijlstra te Drachten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een best Potschip, thans liggende te Noordwolde, bij E.K. Jedema als huurder in gebruik en verder te bevragen bij de heer W.T. Stam te Sneek.


13 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 februari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 21 schepen:
Voor Rotterdam: PRINSES AMALIA, kapt. L.W. van Rijn van Alkemade; ADRIANA PETRONELLA, J.K. Annokkee.
Voor Amsterdam: KIANDRA, kapt. W.C. Pfister; TWEELINGZUSTERS, kapt. W.P. Carst; WELVAART, kapt. J.N. Mooi; JAN HENDRIK, kapt. J. van Lelyvelt; CHRISTINA HELENA, kapt. C. Tjebbes; MARIANNE, kapt. H.P. Grönbeck; AGATHA EN MARIA, kapt. W.B. van Zijp; HERCULES, kapt. J.F. Detering; ELISE HENRIETTE, kapt. P.J. Deterding; CONSTANCE, kapt. T. Sipkes; DELFT, kapt. L. van Geelkerken; HENDRINA, kapt. C.M. Pompe (de beide laatsten van Rotterdam).
Voor Dordrecht: FORTUNA, kapt. M. de Ligny; MARIA DIEDERIKA, kapt. A. van Marion; ROTTERDAM, kapt. H. Poort (de beide laatsten van Rotterdam).
Voor Schiedam: COMMISSARIS DES KONINGS VAN DER HEIJM, kapt. J. van Zanten, (van Rotterdam).
Voor Middelburg: SCHELDE, kapt. A.L. Hoefman; HUGO GROTIUS, kapt. J. Bergman; DIANA, kapt. M. Rademakers (de beide laatsten van Rotterdam).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Nederlandsche Handel-Maatschappij brengt ter kennis van de rederijen dat, aanvangende met de bevrachting van maart, de thans besteed wordende vracht voor gouvernements retourladingen zal worden betaald, zonder de bijvoeging van de 10 pct. averij ordinair en 5 pct. kaplaken.
De vrachtverminderingen wegens de grootte van de schepen en het aantal reizen blijven onveranderd van kracht.
Verder wordt gepaald dat voortaan alle schepen, welke uit een van de Nederlandse havens rechtstreeks naar Java vertrekken, die vóór of ult. december 1859 het laatst beladen zijn binnengekomen en voor de retourbevrachting van de Nederlandsche Handel-Maatschappij in aanmerking wensen te komen, zomede die schepen welke nog niet zijn bevracht geworden, zullen verplicht zijn hun uitgaande ruimte te stellen ter beschikking van de Nederlandsche Handel-Maatschappij.
De Maatschappij houdt zich de bevoegdheid voor om daarvan hetzij niet, of wel geheel of gedeeltelijk gebruik te maken tot de vracht van NLG 30 zonder meer voor gewone goederen, met de bestaande reductie voor zwaar goed.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 12 februari. Aan de scheepsbouwwerf van de heer F. Kloos alhier is de kiel gelegd van een ijzeren stoomboot, bestemd tot vervoer van passagiers en goederen tussen Zwolle en Amsterdam, onder directie van de heren W. Meeter c.s. te Zwolle.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 februari, des avonds. De DOLLARD (opm: brik, kapt. J.J. Koster) is vol water. Men is bezig de lading te lossen. (opm: zie o.a. PGC 160261, 210261 en NRC 120361; het schip wordt later voor wrak verkocht)


  JB - Javabode

Advertentie. Op de vendutie van vrijdag 21 februari 1861 voor de toko van de heer A. Bedier, zal precies ten 11 ure ’s morgens worden verkocht het wrak van het bij Anjer gestrande Nederlandse koopvaardijschip TWEE ANTHONY’S (opm: zie JB 060261) zo als het daar is liggende of niet liggende.


  JB - Javabode

Advertentie. Bataviaasch Praauwenveer.
Op een nader te bepalen dag in de maand maart zal op publieke vendutie verkocht worden de ijzeren stomer JAVAAN; zijnde inmiddels ook uit de hand te koop.


  JB - Javabode

Het voor de dienst der Gouvernements-marine te Dassoen (Rambang) gebouwde rader-stoomschip BRONBEEK is de 27e januari j.l. met goed gevolg te water gelaten.


14 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 13 februari. Op Scheelhoek zit aan de grond de Nederlandse kof DINA, kapt. H.J. Brouwer, geladen met boekweit, komende van Nantes laatst van Ramsgate. Er is een stoomboot van Ramsgate bij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 februari. Kapt. J.E. Hazewinkel, voerende het schoenerschip (opm: galjoot) DOLPHIJN, rapporteert op zijn reis van Triëst naar Amsterdam een anker en ketting verloren en met veel stormweer te kampen gehad te hebben, waardoor schip en tuig aanmerkelijk hebben geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 februari. Het schip (opm: brik) DOLLARD, kapt. J.J. Koster, van Antwerpen naar Buenos Aires, bij Breskens gestrand – zie ons vorig nommer – is met pompen niet lens te houden; 6 lichters zijn met een gedeelte van de lading alhier aangekomen, dat in onbeschadigde staat is opgeslagen, het overige gedeelte wordt beschadigd gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Robin Hoodsbaai (opm: Robin Hood's Bay), 9 februari. De Nederlandse kof GEERDINA HERMINA, kapt. Dijkstra (opm: GEERTIENA HARMINA, bouwjaar 1854; vermoedelijk kapt. F. Dijkstra), van Sunderland naar Harwich, is alhier met man en muis gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wexford, 10 februari. De bark GUYANA (opm: buitenlander), van de Clyde naar St. Kitts, is bij Greenore-Point gestrand en zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 januari. Het Hamburger schip CHRISTIAN, alhier van Manilla gearriveerd, wordt te koop aangeboden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 3 januari. Het schip (opm: ijzeren bark) SHANGHAE, kapt. H. Uitermark, was na aanhoudende stilte en na reeds tot op 180 mijlen afstand van zijn bestemming te zijn geweest, door tegenwind genoodzaakt geworden terug te keren, en te Makasser binnengelopen om water en proviand in te nemen. Het schip was in goede staat en had de eerste december de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 28 december. De Nederlandse schepen HELMERS (opm: brik), kapt. A. Messen, PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN (opm: fregat), kapt. C.C. de Wit, en DELFSHAVEN (opm: bark), kapt. C. Schaap, liggen alhier in reparatie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 30 december. Het alhier van Cardiff gearriveerde Nederlandse schip (opm: fregat) HOLLANDIA, kapt. C.C. Ruige, heeft tussen de Kaap de Goede Hoop en het eiland St. Paulus veel stormweer ondervonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 januari. De vrachten naar Nederland bleven zich flink soutineren op vorige notering. De volgende schepen vonden emplooi: Het Nederlandse schip BATO, NLG 75 per last voor suiker en NLG 100 voor arak, te Soerabaja en Passaroeang te laden naar Amsterdam. Het Nederlandse schip ALDEBARAN, NLG 75 per last voor suiker, NLG 65 tabak en NLG 90 huiden, te Soerabaja en Passaroeang te laden naar Amsterdam. Het Nederlandse schip RIDDERKERK, NLG 75 per last voor suiker, te Soerabaja naar Rotterdam. Het Nederlandse schip AMAZONE, NLG 80 per last voor suiker en NLG 70 voor rijst, hier ladende naar Amsterdam. Het Nederlandse schip MARIA ADRIANA, NLG 75 voor suiker en NLG 67.50 voor tabak, Soerabaja en Passaroeang te laden naar Rotterdam. Het Nederlandse schip MARIA ADOLFINA, door de Nederlandsche Handel-Maatschappij opgenomen à NLG 65 voor koffij en thee en NLG 75 voor suiker, te Samarang en Soerabaja te laden naar Amsterdam.
Onbevrachte schepen: De Nederlandse schepen VIER GEBROEDERS, AUSTRALIE, 'T GOEDE VERTROUWEN, MARIA AGNES, SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN, WILHELMINA en ADRIANA PETRONELLA.
De ULYSSES en PRINS HENDRIK maken kustreizen.
Het Hamburgse schip CHRISTIAN is te koop.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 10 februari. Het schip DOLLARD, kapitein Koster (opm: brik, kapt. J.J. Koster), van Antwerpen naar Buenos Ayres, is gisteren bij Breskens aan de grond geraakt. Assistentie is derwaarts afgezonden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 9 februari. Het schip WILHELMINA, kapitein Glim (opm: vermoedelijk schoenerkof WILLEMTINA, kapt. H.W. Glim, van Buenos Ayres alhier gearriveerd, is wegens het toenemende drijfijs alhier in de haven gehaald.


15 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. Naar wij vernemen zal er na het binnenkomen van Zr.Ms. schepen EVERTSEN en ZEELAND weder een eskader worden geformeerd, bestaande uit straks genoemde schepen, benevens de WASSENAAR, thans liggende te Vlissingen, en het stoomschip DJAMBI, hetwelk aan 's Rijks Werf te Amsterdam met spoed wordt gereed gemaakt. Bedoeld eskader zal omstreeks de maand juni een korte kruistocht in de Middellandse Zee doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 14 februari. Het kofschip DINA, gisteren gemeld, is met assistentie en na lichten in vlot water en door de sleepboot RANGER op de Kanaalhaven gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostende, 12 februari. De gehele lading van het alhier gestrande Nederlandse schip ZWAANTJE BOER, kapt. Pronk (opm: kof, kapt. R.K. Pronk, zie NRC 201260), van Antwerpen naar Bilbao, is gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal op donderdagen de 21e februari 1861, provisioneel, en de 28e februari daaraanvolgend, finaal, telkens des avond 6 uur, ten huize van R.J. Brouwer in het Schippershuis aldaar, verkopen:
1.  Een overdekt gewegerd Tjalkje, groot 23 tonnen.
2.  Een overdekt Schuiteschip, groot 22 tonnen.
3.  Een overdekt gewegerd Schuiteschip, groot 22 tonnen.
4.  Een Bootje.
Alle met derzelver toe en aanbehoren, zoals die op de verkoopdagen, bij open water, voor het huis van Brouwer ter bezichtiging zijn liggende, en anders te Leeuwarden op aanwijzing van Brouwer.
(opm: LC 220261 meldt dat is geboden op kavel 1. NLG 350, 2. NLG 400, 3. NLG 130, 4. NLG 291)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal, ten verzoeke van R.A. de Ruiter, zaakwaarnemer aldaar, op maandag de 25e februari 1861, des namiddags ten 3 ure, provisioneel, en des avond ten 7 ure, finaal, telkens in het Zomerlocaal der Societeit de Vereniging van H. de Jong, op Rapenburg ter dier stede, publiek presenteren te verkopen:
1.  1/8 aandeel in het Nederlands Galjootschip MENTOR, thans gevoerd door kapt. F.D. Rijf (boekhouder de heren Zeilmaker & Co te Harlingen), en groot volgens meetbrief 191 tonnen.
2.  2/16 aandelen in het Nederlands Brigantijnschip ZEELUST, thans gevoerd door kapitein W.J. Keun, (boekhouder de wel edele heer P. Rodenhuis As te Harlingen) en groot volgens meetbrief 161 tonnen.
3.  1/8 aandeel in het Nederlands Kofschip CATHARINA, thans gevoerd door kapitein J.G. Nieting, (boekhouder de heren Repko & Co te Harlingen) en groot volgens meetbrief 127 tonnen.
4.  Een onlangs zwaar vertimmerd en verbeterd Tjalkschip en toebehoren, genaamd de VROUW DIEUWKE, thans gevoerd door de schipper A. Vlietstra, en groot volgens meetbrief 89 tonnen.
5.  Een Tjalkschip en toebehoren, genaamd de GOEDE HOOP, thans gevoerd door de schipper H. Harmeen, en groot volgens meetbrief 88 tonnen.
Beide laatst gemelde vaartuigen zodanig als dezelve op de verkoopdag zullen liggen in de Zuiderhaven te Harlingen.
Nadere informatie te bekomen bij de genoemde notaris Stroband en bij de gemelde De Ruiter.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal op woensdag de 6e maart 1861, des voormiddag 9 uur, ten verzoeke van Jhr. van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe verzocht door heren eigenaren en assuradeurs, op het eiland Schiermonnikoog in het openbaar, tegen gerede betaling, verkopen:
244 oxhoofden onversneden Bordeauxwijn, afkomstig van het op de reis van Bordeaux naar Bremen verongelukte schip (opm: kof) GIJSBERTHA WILHELMINA, kapitein P.L. Priebe (opm: zie o.a. NRC 141260).
Daags voor de verkoop, des middags 12 uur, zal een geschikt vaartuig te Oostmahorn gereed liggen om de gegadigden naar Schiermonnikoog over te brengen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Zee - Assurantie.
Ondergetekende brengt door deze ter kennis aan heren reders, gezagvoerders enz, dat hij tot zijn agent voor Zee-Assurantiën te Harlingen heeft aangesteld de heer P.H. Robijn aldaar, bij wie de nodige informatie te bekomen zijn.
Dordrecht, februari 1861,                              Jacobus Voogd Jr,
makelaar in assurantiën


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Tjalkschip, groot 26 ton.
Te bevragen bij T. Bergsma te Makkum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een zo goed als nieuwe Praam, groot 9 ton, met complete inventaris. Te bevragen bij de eigenaar H.A. Hijlkema te Woudsend.


16 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. Volgens particulier bericht van kapt. Bunk, voerende het schip VIER GEBROEDERS, de 24e december ter rede van Batavia gearriveerd, had hij in het begin van januari reeds de helft van de lading gelost en zou de andere helft te Soerabaja lossen, ten einde onmiddellijk nieuwe lading in te nemen en waarschijnlijk op het laatst van februari de terugreis aan te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 februari. Volgens brief van kapt. S. Stapert, voerende het schip (opm: bark) ADMIRAAL DE RUYTER, van hier te Batavia aangekomen, had hij gedurende de gehele reis voortdurend tegenwind en stilte gehad, afgewisseld met hevige buien, waardoor de reis zeer vertraagd was geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 februari. Volgens brief van kapt. J.A. Sybrandi, voerende het schip LOUISE ROELOFVIENA (opm: brik LOUISE ROELOFFINA), in dato 13 december 1860, had hij op de reis van hier naar Soerabaja, tussen de Kaap de Goede Hoop en het eiland St. Paulus, vreselijke stormen doorgestaan en daardoor schade aan tuigage en zeilen bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het schip (opm: bark) LEWE VAN NIJESTEIN, kapt. D. Lamers, van hier te Padang aangekomen, levert de lading gedeeltelijk beschadigd uit.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 12 februari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn op heden bevracht 21 schepen, als voor Amsterdam 12, voor Rotterdam 2, voor Dordrecht 3, voor Schiedam 1 en voor Middelburg 3.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 13 februari. Op het Scheelhoek zit aan de grond het kofschip DINA, kapitein H.J.Brouwer, uit Pekela, geladen met boekweit van Nantes, laatst van Ramsgate, er is een stoomboot van Ramsgate bij.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Redcar, 10 februari. De kof APPOLLO’S, kapitein Hochland (opm: APOLLO’S, kapt. J.D.W. Hochland, zie PGC 230461 en 090664) uit Veendam, van Shields met steenkool en ijzer naar Porto, is gister in een alhier geheerst hebbende orkaan uit het O.N.O. op de klippen alhier gestrand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 12 februari. Het schip (opm: brik) DOLLARD, kapitein J.J. Koster uit Finsterwolde, van Antwerpen naar Buenos Ayres, bij Breskens gestrand, is met pompen niet lens te houden. Zes ligters met een gedeelte der lading zijn hier aangekomen, dat in onbeschadigde staat is opgeslagen. Het overige gedeelte wordt gelost. (opm: zie o.a. PGC 140261)


17 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. Het schip (opm: schoener) MINA, kapt. J. Hoogerwerf, de 1e dezer van Lissabon naar Vlaardingen vertrokken, is lek en met verlies van de grote mast te Lissabon uit zee teruggekomen; moest lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 14 februari. De gestrande Nederlandse brik DOLLARD (opm: zie PGC 140261), bevindt zich nog steeds in dezelfde positie en men vreest dat het schip weg zal zijn. De lading, die geborgen is, is beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Staats-Courant deelt de volgende vergelijkende staat der Nederlandse koopvaardijvloot op 31 december 1859 en 31 december 1860 mee:










































































































































































































































































































Soort der schepen

Aanwezig  op 31 december 1859

Verongelukt, gesloopt enz, blijkens in 1860 binnengek. berichten

Nieuw gebouwde schepen die in 1860 zeebrieven bekomen hebben

Schepen die na afschrijving in 1860 weer in de vaart zijn gekomen

aanwezig 31 december 1860



schepen

lasten

schepen

lasten

schepen

lasten

schepen

lasten

schepen

lasten

Klipperschepen

4

1.567

-

-

-

-

-

-

4

1.567

Fregatten

156

62.224

13

4.997

2

780

-

-

145

58.007

Barken en pinken

410

122.072

28

8.044

5

1.077

-

-

387

115.089

Brikken

140

16.828

3

298

12

1.111

-

-

149

17.639

Schoeners

345

28.659

14

1.087

26

1.979

-

-

357

29.549

Brigantijnen en barkentijnen

3

306

1

120

-

-

-

-

2

186

Galjoten en galjassen

296

18.389

18

1.161

25

1.574

-

-

303

18.799

Koffen

601

36.323

48

2.351

9

429

2

132

564

34.528

Tjalken

263

7.960

22

665

17

557

-

-

258

7.853

Smakken

27

921

1

60

1

32

-

-

26

893

Gaffel- en kaagschepen

1

54

-

-

-

-

-

-

1

54

Kotter-, sloep- en jachtsch.

5

164

-

-

-

-

-

-

5

164

Paveljpoen- en pleitschepen

1

48

-

-

-

-

-

-

1

48

Praam-, ever- en rinkelaarsch.

3

65

-

-

-

-

-

-

3

65

Schokkerschepen

1

17

-

-

-

-

-

-

1

17

Hoekerschepen

30

1.675

1

71

-

-

-

-

29

1.602

Bunschepen

15

459

-

-

1

9

-

-

16

468

Bom- en pinkschepen

61

874

-

-

2

27

-

-

63

901

Vis-, aak- en snikschepen

3

47

1

11

2

31

1

17

5

84

Stoomboten

41

7.023

2

444

3

297

-

-

42

6.873

Totaal

2.406

305.675

        153

19.309

        105

7.900

             3

      49

      2.361

294.386

Een der in de 6e kolom opgenomen fregatschepen, groot 398 lasten, als barkschip vertimmerd zijnde, zal voortaan onder barkschepen opgenomen worden, hetgeen mede het geval is met een schoener van 173 lasten.
In verband met vroegere ophelderingen omtrent de samenstelling der opgaven wegens de Nederlandse koopvaardijvloot, valt ten opzichte van kolom 3 aan te merken, dat onder de daarin opgenomen 153 schepen er een aantal zijn, waarvan de in 1856 verleende zeebrieven niet zijn ontvangen of vernieuwd geworden, en waaromtrent, bij een opzettelijk onderzoek gebleken is, dat die schepen reeds vroeger afgeschreven hadden kunnen worden, indien door de betrokken reders, schippers of boekhouders, het bericht wegens het verongelukken, slopen, enz. was ingezonden.
(opm: de kolom met verschil in meting der schepen die in 1860 hermeten zijn, in totaal 30 lasten minder en 1 last meer, is om praktische redenen weggelaten)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 12 februari. De brik CATHARINA REGINA, kapt. Doll (opm: vermoedelijk buitenlander), van Newcastle naar Kopenhagen, is gisteren bij Nyhamn gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. Zr.Ms. schroefstoomschip CORNELIS DIRKS, commandant luit.t.zee 1e kl. J.F. Koopman, is de 18e januari j.l. te Curaçao aangekomen. Aan boord alles wel.


18 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. De Mecklenburger brik CHRISTIAN HEINRICH, kapt. Duwell, van Shields naar Genua, bij Kamperduin gestrand, is, na de lading steenkolen over boord geworpen te hebben, weder af- en de Nieuwediep binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. W. van Rossem, makelaar, zal op maandag de 18e maart 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: een extraordinair, welbezeild, gezinkt schoenerschip, genaamd CORNELIA EN ALIDA, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapt. J. Zwanenburg. Volgens Nederlandse meetbrief lang 25 ellen 97 duimen, wijd 4 ellen 50 duimen en hol 2 ellen 44 duimen, en alzo gemeten op 127 tonnen of 67 lasten, zijnde gebouwd in het jaar 1856, in 1859 nieuw gezinkt en bij Veritas geclassificeerd 3/3 G 1. 1 en liggende aan de werf Concordia, in de Oostenburger-Voorstraat.
Breder volgens inventaris, en bericht bij bovengemelde makelaar.


19 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 februari. De theecultures op Java. Iedere belangstellende in het algemeen, maar voorzeker iedere Rotterdammer die op de eervolle vermelding van een stadgenoot in de geschiedenis der theecultuur prijs stelt, zal een belangrijk detail in het bijzonder welgevallig zijn. De medeburger, die wij hier op het oog hebben en aan wiens ijverige bemoeiingen tot de theeaanplanting op Java zo zeer heeft bijgedragen, is Jacobus Isidore Lodewijk Levien Jacobson. De 19e december 1832 lag het Nederlandse schip (opm: fregat) JEANNETTE PHILIPPINE ter rede van Canton zeilklaar naar Java. Alles was tot vertrek gereed, alleen werd nog de tolk verwacht en terwijl dit een vertraging tot de afreis veroorzaakte, werd er een brief van de Nederlandse consul aan boord bezorgd, geadresseerd aan een Rotterdammer, die zich op het schip bevond. Nauwelijks had deze de missive gelezen, of er werd in allerijl order gegeven om de ankers te lichten en men koos het ruime sop, terwijl later bleek, dat de tolk door de Chinese mandarijnen gevangen was genomen, omdat er vermoeden bestond, dat het schip een lading aan boord had die op Java niet mocht ontscheept worden. En toch stevende de Nederlandse bodem derwaarts. De lading bestond uit levende theestruiken en rijpe theezaden, die door de gedoelde Rotterdammer, de genoemde Jacobson, naar onze vaderlandse koloniën werden getransporteerd om ze daar aan te kweken, hetwelk zulke goede resultaten opleverde, dat van 1852 tot 1860 niet minder dan 184.195 kisten en in 1859 alleen 30.076 kisten, ieder gemiddeld van 40 Nederlandse ponden, van Java hier te lande werden ingevoerd.
(opm: het lijkt, dat de uitvoer van theestruiken en theezaden uit China toen verboden was ter protectie van de eigen Chinese productie; het artikel is sterk bekort).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helvoet, 14 februari. Het schip (opm: kof) DINA, kapitein H.J. Brouwer uit Pekela, van Nantes naar Rotterdam, op het Scheelhoek aan de grond vastgeraakt is met assistentie en na gelicht te hebben weder af en op de kanaalhaven gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Robin Hood’s Bay, 11 februari. De tjalk GEERTINA HARMINA (opm: kof GEERTIENA HARMINA), kapitein Dijkstra (opm: vermoedelijk kapt. F. Dijkstra) uit Noordhorn, van Sunderland met steenkolen naar Harwich, is alhier (opm: 54º26’ N.B. 3º44’ W.L.) in de nabijheid totaal verongelukt en het volk daarbij verdronken (opm: zie NRC 200361).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oostende, 12 februari. De gehele lading spoorstaven uit het schip ZWAANTJE BOER, gevoerd geweest door kapitein R.K. Pronk, van Antwerpen naar Bilbao, beoosten deze haven gezonken (vroeger gemeld [opm: zie o.a. NRC 201263]) is geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. In begin maart op nader te bepalen tijd en plaats, zal bij publieke veiling á contant te koop worden gepresenteerd: het welbevaren en snelzeilend, gezinkt Nederlands schoonerbrikschip NOACH S. LOTINGA, groot 175 ton. Ten jare van 1857 gebouwd te Martenshoek, op de werf van G.G. Bodewes, met deszelfs complete inventaris, gevoerd geweest door kapitein H.H. Bakker, van Pekela en thans liggende in het Oosterdok te Amsterdam. Informatiën zijn te verkrijgen bij de heren De Boer en Van der Goot te Hoogezand en Jan van Wesel & Zn te Amsterdam.
J. Piccardt, notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. W. van Rossem, makelaar, zal op maandag 18 maart 1861, des avonds te 6 uur, te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets verkopen: een extraordinair welbezeild, gezinkt schoonerschip genaamd CORNELIA EN ALIDA, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapitein J. Zwanenburg. Volgens Nederlandse meetbrief lang 25 ellen 97 duimen, wijd 4 ellen 50 duimen en hol 2 ellen 44 duimen en alzo gemeten op 127 ton. Zijnde gebouwd in het jaar 1856 en in 1859 nieuw gezinkt en bij Veritas geclassificeerd 3.3 G 1.1 en liggende aan de werf Concordia, in de Oostenburgervoorstraat.
Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar.


20 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 februari. Heden is op de werf van de scheepsbouwmeesters P. & C. Boele te Ridderkerk de kiel gelegd voor het ijzeren stoomschip MAASNYMPH, bestemd voor de dienst tussen Rotterdam en Hellevoetsluis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 februari. Het alhier binnengelopen Nederlandse schip HENDRIKA WILKENS, kapt. Vos (opm: galjoot HENDERIKA WILKENS, kapt. H.H. Vos), is lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fredericia, 14 februari. De Nederlandse galjas EMMA MARIA, kapt. Sap (opm: galjoot, kapt. G.O. Sap), van Apenrade met tarwe naar Swansea bestemd, is 11 dezer in een hevige sneeuwstorm bij Refanses gestrand. De bemanning is gered. Het schip is weg en de lading beschadigd. (opm: zie PGC 230261; de stranding vond vrijwel zeker plaats nabij het Garslev Strand, in positie 55º38’22” N.B. 9º44’44” O.L.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 9 februari. Het bij Torre del Real de Tarragona op strand gezette Nederlandse schip (opm: schoener) PHILADELPHIA, kapt. A.R. Winters (opm: zie NRC 090261), van Livorno naar Antwerpen, is totaal verloren. Alleen een gedeelte van de olie is tot heden gered kunnen worden.


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag in het laatst van februari 1861 zal door D.D. van Boeckholtz publiek worden verkocht: het Nederlandse schip (opm: fregat) PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, gevoerd geweest door kapt. C.C. de Witt, groot 650 gemeten tonnen met een complete inventaris, sloepen, enz.
De romp van bovengenoemd schip zoals die ter rede van Soerabaija is liggende en de inventaris, te bezichtigen in het pakhuis van de Chinees Tan Bindjang, zullen ieder afzonderlijk verkocht worden. Nadere informaties te bekomen bij de agenten, Schimmelpenninck & Co, te Soerabaija en Haager & Schuurman, te Batavia.


21 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 19 februari. Men is nog steeds bezig de lading uit het gestrande schip DOLLARD te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 19 februari. Gepasseerde maandag kwam kapt. Tolner (opm: kapt. L.J.  Tolner), van de alhier om orders gearriveerde Rotterdamse schoener LEVANT, met een man zijner equipage met de boot van wal om naar boord te gaan. Bij het schip komende wierp men hen een tros toe, doch daar zij deze niet konden grijpen, dreef de boot door de felle stroom weg, en werd dinsdagmorgen het ondersteboven opgevist, zodat men vreest dat de beide verdronken zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Skibbereen, 16 februari. Op de rotsen tussen Glandore en Castletownsend is aan de wal gespoeld een wrakstuk van een schip van 200 à 300 tonnen. Het schip is hoogstwaarschijnlijk beladen geweest met mahoniehout, want er zijn circa 150 blokken opgevist en alhier aangebracht. Er is niets waaraan men het schip kan herkennen, als enige kaarten en een boek, Practical Navigation in England, met een linnen overtreksel en de naam A. Bax geschreven op de rug, zomede een Nederlands testament en een stuk papier, ogenschijnlijk van een Nederlands logboek, waarop de datum 13 augustus (zonder jaartal) staat. De kaarten zijn met uitzondering van een Nederlandse, allen Engels en schijnen te Antwerpen gekocht te zijn. Op de rug van een kaart is een Times van 1852 en op een andere een Shipping Gazette van 15 juli 1858 geplakt. Nog is aan strand gevonden een stuk van een mahonie lessenaar met een leren riem eraan, waarop geschreven staat W. Hadden 346. De beide pompen en het roer van het schip, dat gezinkt is, zijn van het wrak afgehaald en hier aangebracht. Men vreest dat de bemanning omgekomen is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 16 februari. Het schip (opm: schoener) MINA, kapitein J. Hoogerwerff, op de eerste dezer van Lissabon naar Vlaardingen vertrokken, is lek en met verlies van de grote mast aldaar uit zee teruggekomen; moest lossen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 16 februari. Volgens brief van kapitein Lammerts van Bueren (opm: J.H. Lammerts van Bueren), voerende het schip (opm: fregat) JASON, van hier naar Batavia, in dato 7 januari, bevond hij zich toen in goede staat zeilende op 10º N. en 25º30’ W, aan boord was alles wel. Bovengemelde kapitein rapporteerde gepraaid te hebben op 16 december op 46º32’ N. en 9º40’ W. het schip (opm: bark) ALMELO, kapitein R.P. Tjebbes, van Amsterdam naar Samarang en op 25 december op 34º31’ N. en 13º26 W. het schip (opm: bark) CORTGENE, kapitein D. Dunlop Dzn, van Rotterdam naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 14 februari. Het schoonerschip DOLLART, (opm: brik DOLLARD, zie o.a. PGC 140261) kapitein Koster, tussen hier en Breskens gestrand, is ondanks alle aangewende pogingen, thans geheel als verloren te beschouwen. De rijke lading, zo zegt men op NLG 400.000 geschat en grotendeels uit stukgoederen bestaande, is voor een groot gedeelte hier aan de wal gebracht. Het schip blijkt gevaarlijk gevaarlijk in het zand gewoeld en men vreest bij de minste verheffing van wind, dat het uit elkander zal slaan. Schip en lading zijn voor totaal verlies verzekerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl zal op schade en bate van Jan Pieters Stuitje en in het logement van de wed. Vos en Zn, des avonds te 7 uur, publiek verkopen: het Nederlandse tjalkschip JOCHEMIENA VAN FARMSUM (opm: waarschijnlijk JOCHEMINA, thuisbehorend te Farmsum), waaraan belangrijke herstellingen hebben plaatsgehad, groot 41 zeeton, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften, zoals hetzelfde thans is liggende bij de scheepstimmerwerf te Termunterzijl.


23 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Men schrijft uit Antwerpen, dat het bij Skibbereen aangedreven wrak – zie onze nommers van gisteren en eergisteren – hoogstwaarschijnlijk afkomstig is van het Belgische schip DOROTHEA, kapt. A. Bax, van Minatitlan naar Cowes bestemd (opm: zie ook NRC 240261).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Aangaande de volgende schepen heeft men sedert het vertrek niets meer vernomen: de Nederlandse galjoot DIANA, kapt. E.R. Giezen, 11 augustus 1860 van Kroonstad naar Amsterdam vertrokken; het schip CATHARINA, kapt. Nickelsen, 27 september 1860 van Haïti naar Antwerpen vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 19 februari. Het alhier binnengelopen Nederlands schip (schoener) DELIA, kapt. J.P. Huizing, van Sunderland naar Sevilla, heeft overgeslagen lading en zeilen en verschansing verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 februari. Het schip (opm: fregat) JACOB ROGGEVEEN, kapitein J. Vos van Marken, van Batavia herwaarts gedestineerd, is in het Kanaal van een loods voorzien geworden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 februari. Het schip (opm: schoener) BAREND, kapitein D.B. Schuur uit Wildervank, is op 30 januari van Pomaron naar Newcastle en niet naar Liverpool vertrokken. Het vroegere bericht als zou dit schip op 1 februari te North Shields zijn aangekomen, zou onjuist zijn, ook omdat de kapitein, volgens alhier ontvangen missive, dacht in het laatst van januari van Pomaron te zullen vertrekken. In de heden ontvangen Shipping & Mercantile Gazet van de achttiende dezer lag het schip BAREND, kapitein Schuur te Newcastle in lading naar Dantzig. (Zeepost)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Fredericia, 14 februari. De kof EMMA MARIA, kapitein Sap (uit Wildervank) (opm: galjoot, kapt. G.O. Sap), van Apenraade met tarwe naar Swansea is op 11 februari met storm en sneeuwjacht bij Randsfjord (opm: Rands Fjord) gestrand en wrak geworden. Het volk is gered, doch de lading beschadigd. Dit schip alhier overwinterd hebbende, was l.l. zaterdag van hier vertrokken en onder Endelave geankerd alwaar het door de sneeuwstorm van j.l. maandag genoodzaakt werd de ankers te laten slippen en vervolgens bij de vergeefse poging, om alhier terug te komen in de Vejlefjord wegdreef. Het schip is weg. (opm: zie NRC 200261)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. B. Haitzema Viëtor, notaris te Winschoten gedenkt op dinsdag 5 maart 1861, des avonds te zes uur ten huize van de logementhouder J.P. Scherpbier te Oude Pekela, publiek á contant te verkopen: het Nederlandse kofschip ELISABETH, groot 152 ton, met deszelfs staand en lopend want, in 18?6 (opm: niet leesbaar) nieuw gebouwd, thans liggend te Harlingen, laatst bevaren door kapitein J.H. Duif (opm: J.H. Duit).
Mr. B. Haitzema Viëtor.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 februari. Gister arriveerde hier het nieuw gebouwde schoonerschip GEBROEDERS SMIT, kapitein B.G. Smit, groot 110 last, gebouwd bij K. Bakker, beide te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 22 februari. Aangaande het schip DIANA, kapitein Giessen (opm: E.R. Giezen), op 11 augustus 1860 van Kroonstad herwaarts vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Portsmouth, 21 februari. De schooner MARIA, kapitein Visser (opm: waarschijnlijk H.J. Visser), uit Purmerend, van Grimsby naar Bordeaux, is wegens ziekte van de kapitein alhier binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Ives (Cornwall), 21 februari. De schooner MINA, kapitein A. Boonstra, van Ibraila naar Queenstown of Falmouth om order, is door een loodsboot alhier binnengebracht met 5 voet water in het ruim, het zal heden onderzocht worden en de lading raapzaad terstond gelost worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Skibbereen, 18 februari. Bij een wrak, tussen Glandow (opm: Glandore 51º34’ N.B. 9º7’ W.L.) en Castletownhead aangedreven, is gevist een stuk van een zwart met groene randen geschilderde plank, ongeveer 5 voet lang en daarop in vergulde letters SAPPEMEER (opm: brik SAPPEMEER, kapt. J.J. van der Veen).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Falmouth, 19 februari. Het schip (opm: fregat) TWEE GEZUSTERS, kapitein P. Keuzenkamp, van Batavia naar Rotterdam, is alhier met gescheurde zeilen en meer andere schade binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE STOOMBOOT MAATSCHAPPIJ. Geregelde halfwekelijkse stoomvaart tussen Amsterdam en Hull via Harlingen.
De directie maakt mits deze de Handel bekend, dat zij genoemde vaart vanaf heden af met drie daarvoor bizonder geschikte stoomschepen zal exploiteren en dat het vertrek vastgesteld is als volgt;
Des dinsdags en donderdags van Amsterdam naar Hull.
Des zaterdags van Harlingen naar Hull.
Des woensdags en zaterdags van Hull naar Amsterdam.
De stoomschepen blijven evenals vroeger geadresseerd aan de heren N. Veltman & Co. te Hull, J. Fockens te Harlingen en Gemenning en Penning alhier, bij welke laatste men zich voor overnamevan expeditiën naar het binnenland gelieve te addresseren.
Amsterdam, 20 februari 1861                                   de directie


24 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 21 februari. Het Belgische brigantijn-schip JOSEPH, kapt. Louws, met zout van Liverpool naar Oostende, is, na in aanvaring te zijn geweest, in Batten Baai gestrand. Men hoopt het nog af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 21 februari. Het alhier ter rede liggende Nederlandse schip (opm: fregat) TWEE GEZUSTERS, kapt. P. Keuzenkamp, is gisterenavond op drift geraakt en tegen de bark GRECIAN QUEEN aangedreven aan wie zij, buiten het verlies van de boegspriet belangrijke schade toebracht. De TWEE GEZUSTERS verloor kluiverboom, voorbramsteng en bekwam nog andere schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Skibbereen, 20 februari. Alhier is aangedreven een stuk van de spiegel van het wrak van een met mahoniehout geladen vaartuig, vroeger gemeld, waarop staat DOROTHEA van Antwerpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

La Flotte, 19 februari. De Nederlandse kof CATHARINA, kapt. B.E.F. Scheltz, van Sunderland naar Bordeaux, is na een reis van 31 dagen alhier zwaar lek binnengelopen. Het schip is bij de ingang van de haven op het zand gezet om aldaar onderzocht te worden.


25 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 22 februari. De alhier binnengelopen Nederlandse kof MARIA, kapt. Visser (opm: waarschijnlijk H.J. Visser), van Grimsby naar Bordeaux is gisterenavond op drift gegaan, doch ligt nu veilig bij Spithead ten anker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penarth, 22 februari. Het Nederlandse schip (opm: bark) CONSTANTIA MARIA, kapt. J.K. de Jong, van Sunderland naar Montevideo, is alhier lek, met verlies van zeilen en meer andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 22 februari. De Nederlandse kof HENDRIK NANNES, kapt. Siersema (opm: galjoot, bouwjaar 1860, kapt. K.H. Siersema), van Livorno naar Antwerpen, is eergisteren op de hoogte van onze haven gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio de Janeiro, 25 januari. Het schip META, kapt. Hartmann, van San Francisco naar Liverpool, is alhier lek binnengelopen (opm: waarschijnlijk buitenlander).


26 februari 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 22 februari. Aangaande het schip DIANA, kapitein Giessen (opm: E.R. Giezen), op 11 augustus 1860 van Kroonstad herwaarts vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


27 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 25 februari. Het schip ENERGIE, kapt. Meijer, van Londen naar Batavia, is alhier met verlies van verschansingen binnengelopen (opm: waarschijnlijk buitenlander).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Whitehaven, 27 februari. De Nederlandse brik ONDERNEMING, kapt. H. Trip, van Liverpool naar Nickerie, is alhier met verlies van kluiverboom en schade aan de zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 januari. De Engelse clipper HERCULEAN, kapt. Bell, van China naar Liverpool, heeft bij Poelo Pongo of Midden-Eilanden schipbreuk geleden. De opvarenden zijn gered. Het mogelijke wordt aangewend om ook de lading, grotendeels uit thee bestaande, te redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 januari. Het op 25 december van hier naar Amsterdam vertrokken Nederlandse schip (opm: bark) ARGONAUT, kapt. J.P. Carst, is de 30e daaraanvolgende uit zee geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 14 januari. Het Nederlandse schip (opm: bark) DRIE GEBROEDERS, kapt. H.B.A. Kramer, van hier naar Swatow bestemd, is, na 24 dagen lang tegen de moesson geworsteld te hebben, met verlies van zeilen uit zee geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 19e maart 1861, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het in het laatst van het jaar 1859 belangrijk vertimmerd en nieuw gekoperd, kopervast snelzeilend Nederlands barkschip ELISABETH, gevoerd door kapt. W.C. Veenstra, volgens meetbrief lang 37 el, wijd 7 el 8 duim, hol 5 el, 26 duim, en alzo groot 612 tonnen of 323 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in het Oosterdok te Amsterdam.
Voorts zal nog afzonderlijk worden geveild: een chronometer, instrumenten enz.
Nadere onderrichting bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 januari. Vrachten. Sedert de laatste berichten hadden de volgende bevrachtingen plaats: BATO bekwam NLG 75 voor suiker en NLG 100 voor arak, te Soerabaja en Passaroean te laden naar Amsterdam; ALDEBARAN NLG 75 voor suiker, NLG 65 voor tabak en NLG 90 voor huiden, te Soeabaja en Passaroean te laden naar Amsterdam; Ridderkerk NLG 75 voor suiker te Soerabaja en Passaroean te laden naar Rotterdam; AMAZONE laadt alhier à NLG 80 voor suiker en NLG 70 voor rijst naar Amsterdam; MARIA ADRIANA bekwam NLG 75 voor suiker en NLG 67,50 voor tabak, te Soerabaja en Passaroean te laden naar Rotterdam; MARIA ADOLFINA werd door de factorij opgenomen à NLG 65 voor koffij en thee, NLG 75 voor suiker te Samarang en Soerabaja te laden naar Amsterdam; 'T GOEDE VERTROUWEN bekwam NLG 75 voor suiker, NLG 65 voor tabak, te Soerabaja in te nemen naar Amsterdam; VIER GEBROEDERS laadt op de kust voor eigen rekening naar Amsterdam; AUSTRALIE bekwam NLG 80 voor suiker alhier en te Soerabaja te laden naar Amsterdam; STELLA MARIS NLG 85 voor suiker te Pecalongan te laden naar Rotterdam; COSMOPOLIET NLG 85 voor suiker, NLG 72 voor rijst hier en te Cheribon te laden naar Amsterdam; CORNELIS WERNARD EDUARD NLG 97,50 voor koffij te Padang in te nemen naar Rotterdam; MARIANNE werd te Samarang gecharterd à GBP 3.10/- voor suiker te Soerabaja te laden naar Rio de Janeiro.
De volgende schepen zijn nog disponibel: MARIA AGNES, SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN, WILHELMINA, ADRIANA PETRONELLA en WATERGEUS.
De ULYSSES en PRINS HENDRIK doen kustreizen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaija, 29 december. Gisteren avond ten half tien ure is van de scheepshelling der Fabriek voor de Marine en het Stoomwezen met het beste gevolg te water gelaten het gouvernements ijzeren stoomvaartuig BONI.


28 februari 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 27 februari. Dezer dagen zijn aan de werf van de heer F. Kloos alhier de kiel en steven gelegd van een ijzeren stoomjacht, bestemd tot vervoer van passagiers en goederen tussen Zwolle en Amsterdam, onder directie van de heren P. Meeter c.s. te Zwolle. De machine van 60 paardenkracht voor deze stoomboot, wordt vervaardigd in de fabriek van de heren D. Christie & Zn te Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 februari. Volgens particulier bericht van kapt. G.G. Muller, voerende het schip (opm: brik) REINHARDT, van Amsterdam naar Buenos Aires, bevond hij zich de 24e februari in goede staat zeilende op de hoogte van Dover. Het schip had sedert zijn vertrek veel slecht weder doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shoreham, 25 februari. De Nederlandse kof CATHARINA, met een lading gerst van Schotland alhier gearriveerd, heeft bij het ten anker komen op de bank gestoten en bekwam zodanig lek, dat men vreest dat de helft van de lading beschadigd zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Beaumaris, 22 februari. Het Nederlandse schip (opm: kof) REMELIA JOHANNA, kapt. D. Schotema, van Liverpool naar Galatz, is alhier met enige onbeduidende schade binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Winsum, 23 februari. Laatstleden zaterdag (opm: 23 februari) is met het beste gevolg te watergelaten de bij de scheepstimmerman R. Kuipers te Obergum gebouwde fraaie hektjalk de GOEDE VERWACHTING, groot plusminus 100 ton, gevoerd zullende worden door kapitein H. van Eijken Lz, van Zwartsluis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Portsmouth, 23 februari. Het schip (opm: kof) MARIA, kapitein Visser (opm: waarschijnlijk H.J. Visser), van Grimsby naar Bordeaux, alhier binnengelopen, heeft in de hedennacht geheerste storm 15 vadem ketting verloren, doch ligt thans in goede staat ten anker.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Penarth, 22 februari. Het schip (opm: bark) CONSTANTIA MARIA, kapitein J.K. de Jong, van Sunderland naar Rio de Janeiro, is alhier lek, met opgeslagen dek, verlies van zeilen en meer andere schade binnengelopen.


01 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 27 februari. De Groenlandsvaarder DIRKJE ADAMA, voorzien van een bemanning van 55 koppen onder bevel van de gezagvoerder H. Wilst (opm: H. Wildts), heeft heden onze haven verlaten om zijn jaarlijkse tocht ter walvis- en robbenvangst aan te vangen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 27 februari. Ofschoon de Groenlandsvaarder DIRKJE ADEMA in de laatste paar jaren zeer ongelukkig in de vangst is geslaagd, werd die bodem opnieuw tot de tocht toegerust en verliet heden morgen onze haven, met zich voerende 53 man equipage, onder bevel van de commandeur H. Wildts. De herhaalde “Hoera’s!” der bemanning en der talloze toeschouwers bij de uittocht, gaven duidelijk blijk van de hoge belangstelling in deze onderneming, en luid was de algemene wens: Een behouden terugkomst met een goede vangst!


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een best onderhouden en hecht en sterk Tjalkschip, groot 44 ton, met complete en beste inventaris, aan de werf van S. Zwat, scheepsbouwer te Grouw.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: de DRIE GEBROEDERS, groot 76 tonnen of 27 lasten, met zeil en treil, ankers, touwen en verdere inventaris, liggende bij de Scheepstimmerwerf van de weduwe Fokke J. Prins aan de Nieuwe Brug onder Nijehaske bij wie het met franco brieven is te bevragen.


02 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 27 februari. De Nederlandse schoener (opm: schoener) SARAMACCA, kapt. K.G. de Vries, van Rotterdam naar Boston, heden alhier binnengelopen, heeft op het Goodwind Sand aan de grond gezeten, doch kwam zonder schade vlot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shoreham, 27 februari. Heden heeft men de lading van de alhier in averij binnengelopen Nederlandse kof CATHARINA, kapt. J.H. Duintjer, onderzocht en bevonden dat meest alles beschadigd is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping op maandag de 4e maart 1861, des morgens ten 10 ure, op het koffiehuis De Beurs, te Vlissingen, van de op de Westerschelde op de plaat bij Breskens gestrande brik DOLLARD (opm: zie o.a. PGC 140261), gevoerd geweest door kapt. J.J. Koster, alsmede derzelver inventaris en comaliewant, benevens het zich daar nog in bevindende gedeeltelijke lading, bestaande in zink, spijkers, glas en meer; alles nader op de koopdag te vermelden. Informatie te bekomen bij de heer J. Smith, scheepsmakelaar aldaar.


  JB - Javabode

Timor. Op de 7e februari j.l. werden te Koepang met de schoener COQUETTE van Larantoeka aangebracht zeven Engelse schipbreukelingen van de schoener RAJAH.
Volgens het verhaal van de gezagvoerder Cameron hebben zij op de 7e december 1860 met een lading rijst, bestemd voor Hongkong, Bali-Lombok verlaten en op de 11e daaraan volgende schipbreuk geleden op de klippen van het eiland Kalatoea. Na vruchteloos pogen, om het schip vlot te krijgen hadden zij, na nog 21 dagen aan boord te zijn gebleven, hun bodem in twee sloepen verlaten. Een viertal matrozen landde op de 9e januari j.l. te Andanara, en werd aldaar door de Radja goed ontvangen, die tevens voor hun opzending naar de posthouder van Lawajong heeft zorg gedragen. De gezagvoerder kwam eerst de 29e januari te Larantoeka aan. Een zijner matrozen was gedurende de overtocht overleden.
Van Koepang zijn zij verder met de stoomboot AMBON, gezagvoerder Vogel, naar Java vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Tonningen (opm: Tönning), 24 februari. Heden is het Eider loodsenlicht vuurschip van hier vertrokken, om zijn ligplaats voor de Eider in te nemen. Ook is een aanvang gemaakt met de betonning van het vaarwater.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rendsburg, 25 februari. Heden is het eerste schip door het kanaal alhier gearriveerd. Dit schip heeft het weinige nog aanwezige ijs gebroken en dus is alzo de scheepvaart als heropend te beschouwen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Scilly’s, 22 februari. De negentiende dezer (opm: februari 1861) is bij het eiland St. Agnes aangedreven een boot, van vreemd niet Engels maaksel, lang 16 en breed ca. 6 voet. Van binnen stond met witte letters: Geert R. de Jonge. (De Veendammer kof POLLUX, wordt gevoerd door kapitein G.R. de Jonge en is op 10 november van Newcastle naar Sevilla uitgeklaard [opm: dit schip ging niet verloren, maar verspeelde blijkbaar de boot]).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. STRANDVONDERIJ. Op maandag 4 maart, des voormiddags te 9 uur, zal te Zoutkamp, ten overstaan van een bevoegde beambte, in het openbaar tegen contant geld worden verkocht, ten verzoeke van Jhr. van Heeckeren, Burgemeester van Ameland, als gemachtigde van de eigenaars en assuradeurs, 28 oxhoofden onversneden Bordeauxwijn en enige ledige fusten, afkomstig van het op reis van Bordeaux naar Bremen verongelukte schip GIJSBERTHA WILHELMINA, kapitein P.L. Priebé (opm: zie o.a. NRC 141260).
Ulrum, 25 februari 1861.                                de Burgemeester, Strandvonder van Ulrum,
W. Wolthers


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Voor Enne Jacobs Vonk, laatst gewoond hebbend te Warfhuizen, gem. Leens. Aangezien gedaagde als matroos heeft behoord tot de bemanning van het smakschip, genaamd GUSTAAF, gevoerd door kapitein Post (opm: hektjalk, kapt. H.T. Post) en in eigendom toebehorende aan de heer P. Koumans Smeding te Leeuwarden, hetwelk in de maand october 1848 uit Harlingen is uitgezeild en in de maand november van hetzelfde jaar van Randers, in Jutland met een lading rogge naar Amsterdam is vertrokken, na inmiddels nog volgens de zeetijdingen, in de maand december (of november) deszelfdes jaars Brakkestoe in Noorwegen te zijn binnengelopen, zijne plaats van bestemming nimmer heeft bereikt, nog sedert enige berichten van hetzelve zijn binnengekomen.
Aangezien het zo goed als zeker is, dat genoemd schip en daarmee de bemanning, waaronder de gedaagde in zee is gebleven, terwijl er sedert meer dan 3 jaren zijn verlopen en de requiranten alleszins belang hebben bij deze rechtsvordering hebben. (opm: sterk bekort)


03 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, op donderdag de 14e maart 1861, des morgens ten 11 ure, in het koffijhuis van de heer J. de Graaf aan de Kinderdijk onder Alblasserdam, van een stoom-raderboot, gebezigd voor personen- en goederenvervoer, lang ruim 22 ellen en breed 4.60 el, hebbende een machine van lage drukking, sterk 50 paardenkrachten, alsmede de daarbij behorende aan boord zijnde inventaris; – alles dagelijks te bezichtigen, ter ligplaats, aan de werf van de scheepsbouwmeesters, de heren J. en K. Smit Jz, te Krimpen aan de Lek. Nadere informaties zijn te bekomen bij de heer J.H. Van Santen aldaar, en ten kantore van de notaris N.J. Vonck, te Streefkerk.


 SUC - Surinaamsche Courant

Paramaribo, 5 maart. Op zondag l.l. des namiddags drie uur, is een corjaal, waarin een neger en een negerin zich bevonden, van plantage Meerzorg komende, voor de stad in het midden der rivier omgeslagen. Ondanks de pogingen der schepelingen mocht het ’t scheepsvolk van de LOUISA CHRISTINA gelukken slechts den neger te redden, terwijl de negerin een prooi der golven werd.


04 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden stuk. Vrachtvermindering. De ongunstige en naar het ons toeschijnt onbillijke wijze, waarop in onderscheidene dagbladen beoordeeld is het onlangs door de regering genomen besluit omtrent de bevrachtingen, die ten behoeve van het departement van koloniën door de Nederlandsche Handel-Maatschappij worden gesloten, noopt ons de volgende opmerkingen in het midden te brengen. Vooraf, want dit is meestal verzuimd, zij hier in haar geheel vermeld de mededeling van de maatschappij, waarbij dit besluit ter kennis van de rederijen is gebracht.
“De Nederlandsche Handel-Maatschappij” zo luidt zij, “brengt ter kennis van de rederijen, dat, aanvangende met de bevrachting van maart, de thans besteed wordende vracht voor gouvernements retourladingen zal worden betaald, zonder de bijvoeging van de 10 procent averij ordinair en 5 procent kaplaken. De vrachtverminderingen wegens de grootte van de schepen en het aantal reizen blijven onveranderd van kracht. Verder wordt bepaald, dat voortaan alle schepen, welke uit een van de Nederlandse havens rechtstreeks naar Java vertrekken, die vóór of ultimo december 1859 het laatst beladen zijn binnengekomen en voor de retourbevrachting van de Nederlandsche Handel-Maatschappij in aanmerking wensen te komen, zo mede die schepen welke nog niet zijn bevracht geworden, zullen verplicht zijn hun uitgaande ruimte te stellen ter beschikking van de Nederlandsche Handel-Maatschappij. De maatschappij houdt zich de bevoegdheid voor om daarvan het zij niet, of wel geheel of gedeeltelijk gebruik te maken tot de vracht van NLG 30 zonder meer voor gewone goederen met de bestaande reductie voor zwaar goed.”
De mededeling betreft dus in de eerste plaats de terugvrachten en in de tweede plaats de uitvrachten. De terugvrachten worden 15% verminderd. Wij erkennen het, 15% is veel; de vraag is slechts of het teveel is. De vracht blijft na die vermindering nog NLG 110 per last, behoudens de gebruikelijke aftrekking voor schepen die meer dan 9 reizen hebben gedaan of meer dan 400 last laden, hetgeen in het laatste ons bekende jaar, 1859, voor het gouvernement een voordeel van gemiddeld NLG 4,30 per last gaf. Er blijft dus over ruim NLG 105½ per last. – Maar de particuliere vrachten bedroegen, volgens de laatste berichten, NLG 80 à NLG 85 voor koffij en suiker, in onderscheidene havens van Java te laden, en waren korte tijd geleden zelfs slechts NLG 35 (vijf en dertig gulden) per last. Een particuliere vracht van NLG 105½ voor koffij of suiker is sedert vele jaren volstrekt ongehoord. Hebben dus de rederijen thans werkelijk reden om over de gouvernements retourvrachten te klagen? Maar nu de uitvrachten? De mededeling van de maatschappij is omtrent dit punt, het zij met eerbied gezegd, niet zeer handig gesteld. Men zou vermoeden, en de dagbladen hebben het ook zo opgevat, dat hier iets geheel nieuws werd ingesteld. De waarheid is, dat al die bepalingen reeds gebruikelijk waren. Het enige verschil bestaat daarin, dat zij thans alleen betreffen schepen die rechtstreeks van hier naar Java vertrekken, zodat een ieder wordt vrijgelaten vooraf elders een voordelige uitvracht te gaan zoeken. De maatschappij heeft daarenboven ten behoeve van het gouvernement slechts ongeveer 4.000 last uitgaande scheepsruimte nodig, buiten de steenkolen, de specie en de passagiers, die onder deze bepalingen niet vallen; maar daarentegen ongeveer 60.000 last retourneren. Al is het dus dat op uitgaande lading voor het ogenblik enige guldens meer zou betaald moeten worden, als de bevrachting geheel vrij ware, dan maakt dit toch nog weinig uit, in vergelijking met de belangrijke meerdere betaling, die de rederijen nog steeds op de retourvrachten genieten. Het spreekt overigens vanzelf, dat de maatschappij zal blijven voortgaan, zoals tot dusver, steeds ten spoedigste aan de rederijen kennis te geven of van de uitgaande scheepsruimte al of niet gebruik wordt gemaakt, en dat zij van haar betrekking van gouvernements-commissionair geen gebruik moet maken om ook haar eigen uitgaande goederen met een kleine vrachtvermindering te verschepen. Uit het bovenstaande blijkt, geloven wij, dat de gouvernements-bevrachtingen, door elkander gerekend nog steeds veel meer aan de lande kosten dan bij een geheel natuurlijke stand van zaken het geval zou zijn. Men voorspelt thans de ondergang van de rederijen en beweert dat voor de tegenwoordige vracht niet kan gevaren worden: een tien of twaalf jaren geleden werd dit evenzeer gezegd, toen de vrachten, die destijds NLG 150 met 15% bedroegen, NLG 10 verminderd werden. Mocht de tegenwoordige maatregel echter tot gevolg hebben dat onze reders meer en meer van de maatschappij-bevrachtingen onafhankelijk worden en dat geen nieuwe Oost-Indiëvaarders worden aangebouwd, vóór dat onze vloot door natuurlijke vermindering tot een aan de werkelijke behoefte evenredig cijfer is teruggebracht en onze havens niet meer met onttakelde schepen zijn gevuld, dan zou dit in het algemeen belang en ook in het belang van de bestaande rederijen, zeker niet anders dan heilzaam zijn.
's Gravenhage, 2 maart 1861                        H.W.M.
(De schrijver stelt zich, naar ons inzien, op een verkeerd standpunt. De vraag is niet, of de rederijen nog enige bescherming genieten na de vermindering van de vrachten met 15%; maar of de plotselinge vermindering van de eens verleende en sedert jaren genoten bescherming, op dit ogenblik, na de twee laatste zeer slechte jaren, tijdig geacht kan worden. Omtrent de combinatie van de uit- en thuisreis, zegt de schrijver, dat met de voorwaarde van aanbieding van het uitgaande schip voor NLG 30, slechts bedoeld is de gevorderde scheepsruimte voor de 4.000 last gouvernements-goederen. Dit staat echter niet in de bekendmaking van de Handel-Maatschappij te lezen. Die bekendmaking luidt algemeen. De Handel Maatschappij kan dus, zoals zij tot nu toe deed, van de combinatie van uit- en thuisreis, evenzeer voor haar particuliere handel, als voor de gouvernements verzendingen gebruik maken; en men moet vermoeden, dat dit ook haar bedoeling is, omdat wel in het eerste, maar niet in het laatste deel van de kennisgeving van gouvernements-goederen gesproken wordt. Neemt echter aan, dat de voorwaarde alleen slaat op de gouvernements-goederen, is het dan de moeite waard om AL de uitgaande schepen, direct naar Java bestemd, aan de belemmering van de voorafgaande aanbieding te binden voor die 4.000 lasten, welke het gouvernement uitzendt. ALLE schepen toch die voor de retourvrachten van de N.H.M. wensen in aanmerking te komen en direct naar Java bestemd zijn, moeten uitgaande ter haar dispositie gesteld worden, zonder dat een korte termijn is bepaald, binnen welke zij op de aanbieding moet beslissen. Als die beslissing komt, b.v. bij de bevrachting voor de retourreis, dat is een kleine maand voor dat het schip zeilen moet, dan zal meestendeels de tijd tot aanleg op stukgoederen verstreken zijn, waarvoor ten minste 2 à 3 maanden nodig is, zodat de schepen, wier aanbieding niet aangenomen is, meestentijds in ballast, of slechts gedeeltelijk beladen zullen moeten vertrekken, om tijdig voor de retourvracht op Java te zijn. Dat hierin voor de vaart grote belemmering ligt, is niet te miskennen. Waarom moet die band tussen uit- en thuisvracht gelegd worden? Moet die dienen om indirect de bescherming nog met enige guldens te verminderen? Waarom deed men dat dan niet direct en liet de uitvrachten vrij ? Nog nadeliger zelfs dan voor de reders, is die band tussen uit- en thuisreis voor onze inlandse industrie en onze uitvoerhandel naar Java, welke zich hoe langer zo meer begint uit te breiden. Het spreekt toch vanzelf, dat door die gedwongen aanbiedingen aan de Handel-Maatschappij en het uitgaan van de schepen met gedeeltelijke lading of met ballast, hetwelk daarvan het gevolg moet zijn, de belaadbare scheepsruimte voor particuliere bevrachters zeer zal verminderen en de vracht dus voor de particuliere uitvoerders duurder worden. Wij blijven dien ten gevolge de overtuiging aankleven, dat het laatst deel van de kennisgeving, zelfs beperkt tot het vervoer van gouvernements-goederen, zeer afkeuring verdient. De redactie)


05 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 4 maart. Het alhier van Banjoewangie gearriveerde Nederlandse schip VAN OLDENBARNEVELD (opm: fregat OLDENBARNEVELD), kapt. C.L. Torley Duwel, heeft ten gevolge van aanzeiling schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Shoreham, 27 februari. Gister is de lading van het kofschip CATHARINA, kapitein J.H. Duintjer, van Schotland alhier gearriveerd onderzocht (opm: zie NRC 280261), slechts ongeveer 20 quarters zijn onbeschadigd bevonden.


06 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkopingen in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 5 maart:
-  Nederlands barkschip KONING EN VADERLAND, groot 498 tonnen, om NLG 37.200; chronometer om NLG 160; kaarten en boeken om NLG 70; alles verkocht.
-  1/15e Aandeel in het fregat MINISTER PAHUD, NLG 2.000 geboden doch niet gegund.
-  Nederlands kofschip CORNELIA, groot 71 tonnen, om NLG 2.500 opgehouden.
-  Nederlands schoonerschip TWEE VRIENDEN, groot 170 tonnen, om NLG 11.500; chronometer om NLG 95 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Volgens ontvangen bericht, heeft de expert van Lloyd’s te Ramsgate aan boord van de aldaar binnengelopen Nederlandse schoener SARAMACCA, kapt. K.G. de Vries, van Rotterdam naar Boston, een expertise gedaan en geen schade daaraan bevonden, zodat hij een certificaat van zeewaardigheid heeft afgegeven en het schip zonder reparatie de reis zal vervolgen, na het verzekeren van de voldoening van de berglonen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 3 maart. De Nederlandse schoener-kof EERSTELING, kapt. A.J. Schuring, van Schiedam naar de Oostzee, is hedenmiddag onder het laveren het strand te na gekomen en ten zuiden van onze haven aan de grond geraakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

La Flotte, 28 februari. Het schip CATHARINA, kapt. Schelts (opm: B.E.F. Scheltz), van Sunderland naar Bordeaux, alhier met schade binnengelopen heeft veel geleden, de lading gelost en moet repareren alvorens de reis te kunnen voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boston, 18 februari. Met het Nederlandse brikschip MINERVA, kapt. G.F. van Ommeren, gisteren van Rotterdam gearriveerd, is alhier aangebracht kapt. Berwick en de overige equipage van de Engelse bark CHAS BROWNELL, van Baltimore naar Liverpool bestemd. De MINERVA nam de equipage van dit schip de 24e januari op 43º N.B. en 46º W.L. aan boord; de CHAS BROWNELL, die de 12e te voren op 37º N.B. en 74º W.L. in een hevige storm lek gesprongen was, bevond zich in geheel ontredderde staat, met vijf voet water in het ruim, onklare pompen en een uitgeputte equipage (opm: zie NRC 031261).


07 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft weer een aanvraag naar scheepsruimte voor haar gewone beurt-bevrachting gedaan en wel op de onlangs bekend gemaakte voorwaarden, namelijk tot de gewone vracht zonder 15% averij en kaplaken. Deze aanvraag strekt zich uit tot schepen, laatstelijk voor of op ultimo december 1859 in gewone beurt-bevrachting binnengekomen en tot nieuwe schepen, voor of op ultimo december 1860 te water gelaten. De schepen, die rechtstreeks van Nederland naar Java zullen vertrekken, moeten voor of omstreeks 10 april a.s. in een van de havens zeilklaar liggen; die welke op vóóruitreis zijn, moeten voor of op de 10e augustus 1861 te Batavia ter beschikking van de Factorij zijn. Het verband op de uitgaande ruimte is geheel opgeheven. Aanbiedingen worden ingewacht vóór of op 18 dezer alhier of 19 dezer te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Men leest in het Handelsblad: Gelijk wij reeds aan het slot van ons hoofdartikel van gisteren over de vrachtvermindering van de Nederlandsche Handel-Maatschappij hebben aangestipt, was de maatregel van deze vermindering reeds geheel voorbereid onder de afgetreden minister Rochussen. In de memorie van beantwoording betrekkelijk het wetsontwerp tot verdere regeling van het koloniaal batig slot d.d.19 november 1860 wordt in § 10, na opgave van de tegenwoordige stand van zaken en de reeds ingevoerde verminderingen, het volgende gezegd: “De ondergetekende is van oordeel, dat ook hier de weg tot bezuiniging nog niet gesloten is, en verliest dan ook dit aangelegen onderwerp niet uit het oog. Sedert enige tijd hebben omtrent verdere verminderingen van de vrachten overwegingen tussen de Nederlandsche Handel-Maatschappij en de ondergetekende plaats.”
Het is aan de vrucht van die overwegingen dat de pas aankomende minister ook naar onze mening te spoedig uitvoering heeft gegeven, maar de aandacht is er op gevestigd geworden en de overwegingen en onderhandelingen zijn gevoerd door de afgetreden minister.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Het schip (opm: schoener) AEOLUS, kapt. J.J. Wegener, van Galatz naar de Zaan, is, volgens telegrafisch bericht van de 5e dezer, op de Donau gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lowestoft, 5 maart. De Nederlandse kof JOHANNES, kapt. Stasse (opm: Bouma de Kloe Stasse), van Stockholm naar Vlissingen, is zondag j.l. (opm: 3 maart) op zee gezonken. De bemanning is alhier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 21 januari. Het op 3 dezer in de Tafelbaai binnengelopen Nederlandse brikschip PAULINE CONSTANCE ELEONORE, kapt. P.B. Pybes, van Tagal naar Amsterdam bestemd, is lek.


08 maart 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder J.J. van Akkeren te Sneek zal, ten verzoeke van de heer Mr. P. Feenstra Kuiper, procureur aldaar, op nader te bepalen tijd en plaats, in deze maand, publiek veilen en verkopen: het Veerschip de JONGE RINSKE genaamd, groot 14 tonnen, met derzelver complete inventaris, zodanig hetzelve gebruikt wordt door S.W. Alkema als veerschip van Stavoren op Leeuwarden en Sneek vice versa. Zijnde inmiddels uit de hand te koop. Wie gading maakt, komt op maandag de 18e maart 1861, ’s avonds 7 uur, ten huize van de Sociëteithouder S. Bokma buiten het Hoogend te Sneek; zijnde de condities inmiddels ten kantore van gemelde deurwaarder te vernemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Snikschip, groot 10 ton, met complete inventaris. Te bevragen bij M.J. van der Sluis te Marrum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder H.B. van der Wal te Sneek zal op maandag de 18e maart 1861, ’s avonds 7 uur, bij S. Bokma aldaar, publiek verkopen: een hecht en sterk Schuiteschip, groot 21 ton, met deszelfs uitmuntende inventaris, zodanig hetzelve is liggende te Sneek en bevaren wordt door de eigenaar J. Velthuizen. Dadelijk na de toewijzing te aanvaarden.


09 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Wij ontlenen het volgende aan de Lloyd Anversois van 7 dezer:
Het jaar 1861 schijnt ten opzichte van de scheepsrampen het voetspoor van zijn beide voorgangers 1859 en 1860 te zullen volgen. Ten minste de verschenen maand februari doet ons dit maar al te zeer vrezen. Hoever wij ook achteruit gaan, wij vinden geen maand februari zo ongelukkig als de nu verlopene. De totale verliezen in die maand bedroegen 314 schepen, zijnde 116 meer dan in februari 1860; 132 meer dan in februari 1859; 136 meer dan in februari 1858; 94 meer dan in februari 1857; 124 meer dan in februari 1856 en 134 meer dan in februari 1855


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 maart. Het gedeelte van de lading van het Nederlandse schip DOLLARD, kapt. J.J. Koster, van Antwerpen naar Buenos Aires, in het begin van februari j.l. op de Suikerplaat nabij Breskens gestrand, voor zover die lading niet aan wal gebracht werd, is door de assurantie te Antwerpen overgenomen. Slechts de beschadigde suikervaten, spijkers, spiegelglas enz. zullen alhier worden geveild. De jongste stormen hebben het schip vreselijk geteisterd. Eergisteren is het publiek verkocht voor NLG 680.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 7 maart. Het schip FROUKTJE, kapitein Koops (opm: galjoot FROUKJE, kapt. H.F. Koops), van Sunderland naar Flensburg is op 1 maart te Frederikshaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 4 maart. De kof FENNECHIENA, kapitein L.H. Puister, uit Veendam, van Shields met steenkolen naar Porto is op 22 februari op 49º N.B. 9º W.L. in zinkende staat verlaten, het volk is gered en alhier aangebracht.


10 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Krachtens Z.M. besluit van de 8e dezer no. 62 wordt het schroefstoom- schip der 4e klasse APELDOORN, liggende te Amsterdam, met de 16e april aanstaande in dienst gesteld met bestemming naar de West-Indiën, en is het bevel daarover opgedragen aan de luit.t.zee 1e kl. J.A.H. Hugenholtz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 8 maart. Het kofschip WELGELEGEN, kapt. Jan Zwaal, in ballast van hier naar Noorwegen bestemd, heeft in de dezer dagen gewoed hebbende stormen op de Vlierede het spil gebroken en zal dientengevolge in de haven moeten komen om te repareren.
Ook zou aldaar een kof, waarvan vooralsnog de naam onbekend is, van de ankers geslagen, doch gelukkig in de haven van Terschelling gekomen zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 maart. Het beurtschip DE GOEDE HOOP, schipper kapt. Jansen, van Deventer herwaarts gedestineerd, is hedenmorgen alhier voor de Nieuwenbrugs-boom gezonken; de lading wordt gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 6 maart. Het alhier ter rede liggende Nederlandse schip DINA MARCHINA, kapt. van Dijk (opm: kof, kapt. J.K. Dijk), van Nizza (opm: Nice) naar Liverpool, heeft boegspriet, kop van het roer, anker en ketting verloren en is op de haven gevlucht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bude, 5 maart. Onder meer andere wrakstukken is alhier aangespoeld een stuk van een naambord, waarop met vergulde letters staat ARGUS en daaronder VAN, het laatste woord afgebroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 maart. Het Nederlandse schoenerkof EERSTELING, kapt. A.J. Schuring, van Schiedam naar de Oostzee, in de Sond aan de grond geraakt, is, na de ballast uitgeworpen te hebben, gisterenavond, zonder belangrijke schade, weer in vlot water gekomen.


11 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens bericht uit Smyrna (opm: Izmir) zou Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP van daar naar Alexandrië vertrekken en na nog een kruistocht langs de Syrische kust gedaan te hebben, in de eerste dagen van deze maand naar Lissabon vertrekken om tegen het einde van deze maand in het Nieuwe Diep binnen te vallen.


12 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 maart. Het schip (opm: bark) MARIA ANNA, kapt. J.D. van Monnom, is te Hellevoetsluis aangedreven door de (opm: bark) VOORWAARTS, kapt. E.L. Kerkstra, waardoor de eerste nogal belangrijke schade heeft bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 maart. Volgens telegrafisch bericht is het schip (opm: kof) ZWERVER, kapt. Hoster (opm: B.B. Höster), bij het vertrek van Dublin aan de grond gekomen en heeft daarbij schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wassenaar, 10 maart. De 8e dezer is alhier gestrand het kofschip CATHARINA, kapt. Sander (opm: kapt. J. Pander), van Newcastle met steenkolen naar Middelburg bestemd. Het vaartuig is vermoedelijk totaal weg. De manschappen, ten getale van zes, hebben zich met de boot van het schip gelukkig gered en zijn door de burgemeester strandvonder opgenomen en met veel zorg verpleegd. Zij zijn thans naar Vlissingen vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.F. Schutte, P. Blom, A. Roland Holst, E.G. Boscher, J.F.L. Meijjes en W. Bakker Bz, makelaars, presenteren op maandag de 25e maart 1861 des avonds ten zes ure precies, in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ te Amsterdam te verkopen: een snelzeilend, in den jare 1857 nieuw gebouwd ijzeren clipper-brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd PROFESOR SURINGAR, gevoerd door kapt. G.H. Sneltjes, gemeten op 282 tonnen of 149 lasten en dat met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij inventaris is vermeld.
Het voorzegde brikschip ligt aan de werf van de heren Gebroeders Schutte, Kadijk U 441. Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengenoemde makelaars of met de cargadoors De Coningh & Co, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping. Op dinsdag 12 maart 1861, des avonds ten 6 ure, zal ten huize van J. van Bever te Wassenaar door de burgemeester strandvonder aldaar, als daartoe behoorlijk gemachtigd door kapt. J. Pander, worden verkocht: het wrak van het op 8 dezer binnen die gemeente gestrande kofschip CATHARINA met de zich daarin nog bevindende lading steenkolen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Scheepsafbraak te koop aan de werf van de scheepsbouwmeester J. Jonker te Kinderdijk. (opm: blijkbaar hield deze scheepswerf zich toen bezig met het slopen van schepen)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Katwijk, 8 maart. Hedennacht omstreeks 2 uur is tussen Katwijk en Scheveningen, ter hoogte van Wassenaar gestrand het kofschip CATHARINA, kapitein J. Pander, van Newcastle naar Middelburg, geladen met steenkolen. De equipage heeft zich met de eigen boot gered, terwijl van de inventaris veel geborgen wordt. (opm: zie PGC 140361)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 7 maart. Het schoonerkofschip EERSTELING, kapitein A.J. Schuring, van Schiedam naar de Oostzee, in de Sont aan de grond geraakt, is na ballast uitgeworpen te hebben, gisteravond onder belangrijke schade weder in vlot water gekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Stoomvaart van Harlingen naar Hull en van Hull terug op Harlingen via Zwolle.
Het ijzeren stoomschip MINISTER THORBECKE, kapitein B. Nepperus, vertrekt van Harlingen wekelijks des zaterdag morgens met het eerste getij, behoudens buitengewone omstandigheden, en van Hull terug via Zwolle op hier des woensdags morgens, waarmede uitmuntende gelegenheid bestaat tot het aanvoeren van manufacturen en allerhande goederen rechtstreeks tot Harlingen, tot billijke vracht en onkosten berekening.
Adres en informatie bij de agenten                           W.C.L. Ringrose, Hull
I. & S. Wiarda, Harlingen


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Praamschuit, genaamd de VROUW MARGIE, groot 58 ton, met deszelfs zeil, treil, staand en lopend want en verder toebehoren; laatst bevaren door Tjerk Mantel.
Te bevragen met franco brieven bij de eigenaar C. Mantel Jzn te Enkhuizen.


13 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. De te Wassenaar gestrande kof CATHARINA is gisteren middag verbrijzeld en dus weg.


  JB - Javabode

Soerabaija, 2 maart. Per telegraaf is gisteren hier de tijding ontvangen dat de stoomboot KRATON, ten gevolge van hoge zee ter hoogte van Bezoeki vol water is gelopen, in zinkende toestand in de rivier gekomen, en daar gezonken is. Alle opvarenden zijn gered.
Het ligt voor de hand dat wij hier ons de vraag veroorloven, of het bestuur wel goed heeft gedaan concessie te verlenen tot de dienst van een vaartuig, als de KRATON in zulk een vaarwater als de zee tussen Probolingo en Madura. Wie bekend is met de bouw van deze stoomboot moge de ondernemingsgeest bewonderen, die zich niet liet afschrikken in de bestaande behoefte, op hoe gebrekkige wijze dan ook, te voldoen. Hij moge uit deze moed, die zich niet liet neerslaan door de ongelukkige antecedenten van de KRATON, de gevolgtrekking maken, dat een uitbreiding van het aantal stoomboten of andere min kostbare vervoermiddelen dringend nodig is, maar juist te meer diende de bevoegde autoriteit te waken dat het bestaand gebrek niet leidde tot aanwending van het gebrekkige op zulk een wijze, dat, gelijk thans het geval is geweest, mensenlevens daardoor in gevaar worden gebracht. Beklagen wij haar die na zulk een ongelukkige levensloop zo treurig aan haar einde is gekomen, en hopen wij dat door de opkomst van een jong en krachtiger geslacht van stoomboten spoedig in de heersende behoefte moge worden voorzien!


  JB - Javabode

Soerabaija, 4 maart. In de avond van de 28e februari op de 1e maart lag op de rede alhier jammerlijk gestrand de stoomboot KRATON, gezagvoerder Nijvenheim, komende van Soerabaija. De pogingen van de equipage om de boot vlot te krijgen bleven vruchteloos.
De zwaar woedende golven overstroomden het dek, tengevolge waarvan de boot tot aan de leuning (opm: bedoeld is de railing) van het dek is gezonken, alleen de 2 masten en de schoorsteen staken boven water uit. De havenmeester alhier, aan wie men dit ongeval heeft bericht, ging onmiddellijk met een sloep naar de plaats des onheils, met welke sloep de equipage dier stoomboot des middernachts, beroofd van have en goed, aan wal is gearriveerd.
Een gedeelte van de lading die de KRATON aan boord had is door de golven weggespoeld; door het plaatselijk bestuur is het nodige verricht om de lading successievelijk van boord te doen halen, met dat gevolg dat er een aantal lijnwaden enz. beschadigd zijn aan wal gebracht. Men koestert de hoop, dat door de krachtige medewerking van het bestuur de boot weer vlot zal geraken en dat de daarin nog aanwezige lading gered zal worden.
Mensenlevens zijn bij dit ongeval niet te betreuren.


14 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 13 maart. Heden vertrok van hier naar Kopenhagen het stoomschip VESTA.
(opm: eerste reis van dit door de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij aangekochte schip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 11 maart. Gisterenavond ten 7 ure is op het Oosteinde van Terschelling gestrand de Russische schoener WARJA, kapt. A. Barthis, geladen met haver, van Gotenburg naar Londen bestemd; de equipage, uit 7 man bestaande, heeft zich met de boot gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 10 maart. De Nederlandse stoomboot TRIËST, van Rotterdam naar Triëst, heeft hier ter rede anker en ketting verloren, doch is opnieuw daarvan voorzien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping te Wassenaar, op maandag de 18e maart 1861, des morgens ten 11 ure, van de inventaris van het gestrande Nederlandse kofschip CATHARINA, bestaande in: anker, landvast en andere kettingen, van verschillende lengte, zware daags- en werpankers, diverse trossen, waaronder een nieuwe 5 duims, ter lengte van 90 vaam, al de verschillende soorten van zeilen en hetgeen verder tot die inventaris behoort. Alles breder bij billetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. E.H. Stheeman, notaris te Zuidbroek, gedenkt op vrijdag 22 maart 1861, des avonds te 6 uur, in het Gemeentehuis te Scheemda, publiek te verkopen: een overdekt tjalkschip, genaamd de VROUW ALTINA, groot 50 ton, met aldiens opgoed en toebehoren. In 1857 in Foxhol nieuw gebouwd, thans liggende te Scheemda en bevaren door H.H. Smit.


15 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 maart. Op 's Rijks werf te Amsterdam zullen weldra de kielen worden gelegd van de schroefschepen 4e klasse KIJKDUIN en SCHOUWEN, zodat er dan op die werf negen schroefschepen (zes 4e en drie 1e klasse) op stapel zullen staan, waarvan er denkelijk twee nog dit jaar zullen te water lopen. Het stoomschip DJAMBI en de machine zullen spoedig voltooid zijn en in de volgende maand naar Willemsoord worden overgebracht. Ook het schroefschip 4e klasse DE AMSTEL zal eerdaags worden afgeleverd en naar Willemsoord gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. P.J. Van der Aa Gzn, makelaar, zal op maandag de 15e april 1861 te Amsterdam, des avonds ten 6 ure, ten huize van L.H. Wolters in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris J. Mulder, verkopen: de overdekte schroef-stoomboot genaamd DE ADMIRAAL DE RUITER, van geslagen ijzer, laatstelijk varende tussen Amsterdam en Utrecht, vice versa, gemeten op zeven en twintig tonnen, met een stoommachine van 18 paardenkracht, liggende op de Binnen-Amstel vóór de Korte Amstelstraat. Breder bij billet omschreven en bericht bij bovengenoemde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 12 maart. De Belgische schroefstoomboot COMTE DE HAILAUT, kapt. De Groof, van Antwerpen naar Alexandrië, is met verlies van deklast alhier binnengelopen. Het had 30 ton kolen over boord geworpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Veiling van scheepsaandelen te Rotterdam. Op dinsdag de 19e maart 1861, zullen na afloop van de veiling van het barkschip ELISABETH nog worden verkocht:
-  1/64 Aandeel in het barkschip WILLEM DE ZWIJGER, varende onder directie van de heren Hartog & Glazener.
-  2/64 Aandeel in het barkschip ALMONDE.
-  4/64 Aandelen in het barkschip BULGERSTEIN, beide varende onder directie van de heren Pistorius & Bicker Caarten.
-  1/64 Aandeel in het barkschip MINISTER THORBECKE, varende onder directie van de heer J. Vroege,
-  11/64 Aandelen in het barkschip MACAO.
-  4/64 Aandelen in het barkschip CANTON, beide varende onder directie van de heer W.C. Versluys.
-  1/64 Aandeel in het barkschip DINA, varende onder directie van de heren Arbon & Co.
-  1/100 Aandeel in het barkschip JAN SCHOUTEN, groot 381 lasten, varende onder directie van de heer Gerard Mauritz.
-  1/12 Aandeel in het driemast schoenerschip VALPARAISO, varende onder directie van de heer E. Serruys.
-  1/32 Aandeel in het schroef-stoomschip TRIËST, varende onder directie van de heren Reuchelin, Moll & Dutilh.
Nadere informaties zijn te bekomen bij de makelaars Montauban van Swijndregt en T. & W. van Dam, bij wie de notitie te verkrijgen is.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 13 maart. De laatste stormen zijn, ofschoon men geen zware verliezen heeft te betreuren, niet gunstig voor de zeevaart dezer stad geweest. Verscheidene vaartuigen, waaronder de Groenlandsvaarder DIRKJE ADEMA, zijn daardoor genoodzaakt op de rede van het Vlie te blijven liggen; veertien dagen hebben de meeste schepen daar vertoefd, en dat ze het daar niet ruim hadden getuigt het kofschip WELGELEGEN, kapitein J. Zwaal, dat met gebroken spil en verlies van ankers hier weder is binnen gelopen. Het Harlinger weerglas is echter hedenmorgen vrij wat gerezen. De menigte vissersvaartuigen, die sedert 12 dagen onze haven vulde, heeft ons heden eensklaps verlaten, en, naar wij vernemen, hebben op de rede liggende schepen tevens gelegenheid gehad om in zee te komen.


16 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Van een geachte zijde ontvangen wij het volgende bericht:
Door de heer C.J.M. Nagtglas, luitenant-kolonel, gouverneur van de Nederlandse bezittingen ter kuste van Guinea, onlangs uit Nederland derwaarts teruggekeerd, is te Sierra Leone, een bezitting van de Engelsen aan de Westkust van Afrika, ter plaatse waar de bevolking zich van water voorziet, op een hellend rotsblok, gevonden de volgende inscriptie:
M.A. Ruiter J.C. Meppel
Vice-Admiralen van Hollant en West-Vriesland
Aº. 1664
Met uitzondering van de namen van genoemde vlootvoogden, is de inscriptie moeilijk leesbaar; en daar zich dagelijks een aanzienlijke menigte mensen over dezelve naar de plaats begeeft, om zich van water te voorzien, zal de inscriptie weldra geheel verdwijnen. Gebrek aan een geschikt werkman en aan de nodige werktuigen om de steen, waarop zich de inscriptie bevindt van de rots te onderscheiden, is de oorzaak, dat men heeft moeten afzien van het voornemen om bovengemeld gedenkstuk van de roemrijkste tijd van de republiek naar Nederland over te brengen en alzo te bewaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Volgens een bericht, voorkomende in de Lloyd’s List van 14 maart, is het bericht nopens het arrivement van het schip CADZANDRIA te Philadelphia onwaar geweest. Dit schip is blijkens rapport van het te Liverpool gearriveerde schip ST. PIETER op de 14e februari op 37º50’ N.B. en 67º20’ W.L. gepraaid, hebbende de kop van het roer verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 14 maart. Het schip (opm: kof) REMELIA GEERTRUIDA, kapt. W.A. Katoen, met steenkolen van Newcastle naar Lissabon bestemd, is, na in de Noordzee hevige stormen te hebben doorgestaan, heden alhier zwaar lek binnengelopen en moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 13 maart. De Nederlandse schoener-kof EERSTELING, kapt. A.J. Schuring, welke ten zuiden van deze haven op strand heeft gezeten, is gisteren in de haven gekomen om met een duikerklok de bodem te onderzoeken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 maart. Gisteren arriveerde alhier het nieuw gebouwde schoonerschip HILLECHIENA REINA (opm: HILLECHINA REINA), kapitein H.P. Hazewinkel Muntendam, groot 180 ton, gebouwd op de werf van K. & J. Wilkens te Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontving ik het allertreurigste bericht uit Whitby, dat mijn innig geliefde zoon, een veelbelovend jongeling, Fokke Dijkstra, gezagvoerder op mijn schip GEERTINA HARMINA, op 9 februari door een zware stortzee getroffen, die tuig en bemanning wegnam, met de gehele bemanning zijn dood in de golven heeft gevonden. Zeer treurig is voor mij deze zware ramp, daar ik voor twee jaren, mijn geliefde echtgenoot zag grafwaarts dalen en nu in deze zoon een troost en steun weder vond met mijne vier dochtertjes. Mocht ik het oog op Hem gevestigd houden, die geeft en ook wederneemt en met de hoop dat Hij, die de lichamen ver van elkaar verwijderd, onze zielen mogen verenigingen, waar geen scheiding meer is. Diep bedroeft geef ik hiervan kennis aan familie, vrienden en bekenden.
Noordhorn, 14 maart 1861                            C. Hoekstra, Wed. H. Dijkstra
(opm: zie PGC 190261)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl, zal op zaterdag 13 april 1861, des middags te 12 uur, ten huize van logementhouder G. ter Steeg, te Delfzijl, publiek tegen contant geld worden verkocht: het Spaanse barkschip ANGELITA, gevoerd door de scheepskapitein Geronimo Casanovas. Groot volgens Nederlandse meetbrief 351 zeetonnen, zoals hetzelve is liggende in de haven van Delfzijl. De inventarissen zullen bijtijds op de gewone plaatsen ter inzage liggen terwijl nadere informatiën zijn te bekomen ten kantore van de heer J.P. Vos, scheepsmakelaar te Delfzijl.


17 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 maart. Het bericht, als zoude het schip VROUW METTINA, kapt. G.J. Scholtens, van Bremen naar Amsterdam, bij de Leibocht op de Eems verongelukt zijn, is gebleken onjuist te wezen, zijnde gemeld schip de 14e maart wegens ziekte van de kapitein te Delfzijl binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 14 maart. Het alhier binnengelopen Nederlandse schip (opm: schoener) WILLEM VAN DER VOORT, kapt. B.G. Carst, van Cienfuegos naar Londen bestemd, heeft de kluiverboomzeilen enz. verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 februari. Vrachten bleven goed gesoutineerd (opm: prijshoudend) en werden zelfs enige partijen suiker tot NLG 87,50 per last afgescheept. Door de gelijktijdige aankomst van een zestal vrachtzoekende bodems is de vraag nu weer bedaard, terwijl ook afscheepbare producten beginnen op te ruimen.
Sedert het laatste bericht van 15 passato werden de navolgende charters afgesloten: SCHILLER (Nederlands), 212 ton, voor een lading rijst van hier naar Hongkong à 47½ dollarcent per picol; HONINBIJ (Nederlands), 798 ton, NLG 72½ voor rijst van hier en NLG 87½ voor suiker van Passaroean naar Rotterdam; SPERWER (Nederlands), 280 ton, NLG 75 voor koffij en NLG 87½ voor suiker en NLG 97½ voor lichte goederen van hier naar Amsterdam; WATERGEUS (Nederlands), 680 ton, werd te Soerabaja opgenomen voor een lading suiker à NLG 85 van daar naar Rotterdam; JOHANNA MARIA (Nederlands [opm: kapt. L.J. Wilhelmie}), 720 ton, bekomt NLG 85 voor suiker en NLG 72½ voor rijst van hier naar Rotterdam; GRAAF VAN HEIJDEN REINESTEIN (Nederlands), 702 ton, sloot charter af voor plm. 11.000 picols rijst van Soerabaja naar Amoy voor $ 6.500 in full.
Er blijven nu nog disponibel de navolgende Nederlandse bodems: CALYPSO, WILHELMINA, ADRIANA PETRONELLA, WILLEM HENDRIK, SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN; terwijl de ULYSSES en de PRINS HENDRIK met kustreizen bezig zijn.


18 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. De Nederlandse oorlogsbrik CACHELOT is de 1e november te Nagasaki aangekomen. Terwijl enige averijen hersteld worden, hebben de officieren van het Japanse stoomschip KWAN-KO-MAR (opm: het voormalige Nederlandse marine-stoomschip SOEMBING) herhaalde bezoeken aan boord gebracht om onderricht te vragen in verschillende zaken, de zeevaartkunde betreffende, iets waartoe zij nog niet de hulp van enige andere natie ingeroepen hebben. De 25e november is de Nederlandse consul-generaal met de CACHELOT naar Jedo gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ingevolge besluit ener vergadering van de Amsterdamse rederijen, worden heren reders uitgenodigd tot het tekenen van een verklaring waarbij de schepen tot de vracht, thans door de Nederlandsche Handel-Maatschappij aangeboden, worden geweigerd, welke verklaring op maandag de 18e dezer tot drie ure ter tekening zal liggen bij de boekverkoper R.C. Lepper, op het Rokin bij de Beurssteeg. Voorts worden heren reders zo hier als elders uitgenodigd tot bijwoning ener vergadering, op maandagavond de 18e dezer, ten 7 ure, in het lokaal Zeemanshoop, alhier.
Amsterdam, 16 maart 1961                           Joan Muller, B.W. van Starckenborg van Straten


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Het schip (opm: bark) MACAO, kapt. J. Kroll, van Sunderland naar Singapore bestemd, te Batavia binnengelopen, moest enige geleden schade herstellen en heeft daarna de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Volgens ontvangen particuliere tijding d.d. 28 jan. l.l. lag het barkschip CORNELIS ANTHONIE, kapt. R.J. Reynders, de 28e januari, beladen ter rede van Samarang, en dacht de gezagvoerder de 30e van daar de reis naar Rotterdam te aanvaarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 16 maart. Het Nederlandse schip HENRICA, kapt. Balster (opm: brik, vermoedelijk kapt. A.H. Strakholder; kapt. H. van Lessen Balsters voerde het gezag in 1857 - 1858), van Huelva naar de Clyde, is alhier met verlies van stengen, raas en andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Studwall Roads, 16 maart. Het schip EMMA MATHILDA, kapt. Behrens, van Liverpool naar Batavia, is alhier met verlies van kluiverboom en zeilen binnengelopen. (opm: waarschijnlijk buitenlander).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 12 maart. Het schip ANNA, kapt. Hilbrand, van Newcastle naar Venetië, dat 6 maart bij Maistra strandde, is vlot gekomen en gisteren te Venetië gearriveerd.


19 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 maart. Het schip (opm: brik) CATHARINA, kapt. H.W. Moesker, is door het ijs op de Donau op het strand gedreven en heeft zware schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontvingen wij het treurig bericht uit Rio de Janeiro, dat onze geliefde broeder en behuwd broeder Pieter Berends Kolk, gezagvoerder op het schonerschip ATTALANTA (opm: ATALANTE), op 3 februari l.l. aldaar aan de gele koorts was overleden, in de ouderdom van bijna 27 jaren. Zwaar treft ons dit verlies, doch wij wensen te berusten in het bestuur der Voorzienigheid.
Oude Pekela 13 maart 1861
J.R. Kolk, mede namens mijn broeders en zusters.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. E.H. Stheeman, notaris te Zuidbroek gedenkt op vrijdag 22 maart 1861, des avonds te 6 uur in het Gemeentehuis te Scheemda publiek te verkopen: een overdekt tjalkschip, genaamd de VROUW ALTINA, groot 50 ton, met al diens opgoed en toebehoren, in 1857 te Foxhol nieuw gebouwd, thans liggende te Scheemda en bevaren door H.H. Smit.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 maart. In de storm van l.l. zondag de 10e dezer strandde op Terschelling het Deense schoonerschip VARIA, (opm: Pruisisch schip WAIJA VAN RIGA, zie LC 220361) kapitein Alexander Barten, met haver van Gothenburg naar Londen. De equipage, bestaande uit 7 manschappen, kwam behouden aan wal en vrijdag ll. hier binnen. De lading en tuigage is gedeeltelijk geborgen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een voor vier jaren nieuw gebouwd Kofscheepje, genaamd de JONGE HENDRIK, groot volgens meetbrief tien ton, met complete inventaris, varende thans nog als veerschip van Sexbierum op Leeuwarden en Harlingen. Hetzelve wordt verkocht zonder ’t veer. Te bezichtigen: vrijdags te Leeuwarden op het Groot Schavernek en woensdags in de Voorstraat te Harlingen. Te bevragen bij J.J. van Slooten te Sexbierum.


20 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een snelzeilend, onlangs nieuw gezinkt schoenerschip.
groot 61 gemeten tonnen, gebouwd in Aº. 1857, met deszelfs complete inventaris, liggende voor deze stad.
Te bevragen voor nadere informatie bij de cargadoors Oolgaardt & Bruinier, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 18 maart. Aangaande het schip JULIA, kapt. Eliason (opm: buitenlander), 26 oktober 1860 van hier naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) heeft men sedert niets.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 16 maart. Heden is alhier met verlies van zeilen en kluiverboom en met ingestoten bakboordsboeg binnengelopen het Nederlandse barkschip S. VAN HEEL, kapt. D.H. Dietz, van Rotterdam naar Batavia bestemd. Het schip is gisterenmorgen bij St. Catharine’s Point (opm: zuidpunt Isle of Wight) in aanzeiling geweest met de Engelse bark THOMAS BEGHIE, kapt. Gibson, van Hull naar Sebastopol gaande.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Penzance, 16 maart. De bark ASTREA, kapt. Neuman (opm: buitenlander), van Odessa naar Waterford, heeft deze morgen op de Wolf Rock (opm: 49º57’ N.B. 5º48’ W.L.) gestoten en is onmiddellijk gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Robin Hood’s Bay, 16 maart. Heden zijn twee lijken aangespoeld van het op 9 februari alhier (opm: 54º26’ N.B. 3º4’ W.L.) met man en muis verongelukte Nederlandse schip GEERDINA HERMINA (opm: kof GEERTIENA HARMINA, zie PGC 190261), kapt. J. Dijkstra, van Sunderland naar Harwich. De lijken zijn op de begraafplaats bijgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen. In de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat op woensdag, 19 maart:
-  Nederlands barkschip ELISABETH, groot 612 ton, verkocht om NLG 34.800; een chronometer à NLG 190 verkocht, een barometer à NLG 25, een sextant à NLG 76, een verrekijker à NLG 40, kaarten en boeken à NLG 61 verkocht.
-  1/64e Aandeel in het barkschip WILLEM DE ZWIJGER, varende onder directie van de heren Hartog & Glazener. Om NLG 800 verkocht.
-  1/64e Aandeel in het barkschip ALMONDE, varende onder directie van de heren Pistorius & Bicker Caarten. Om NLG 400 verkocht.
-  Een dito aandeel. Om NLG 600 opgehouden.
-  2/64e Aandelen in het barkschip BULGERSTEIN, varende onder directie van de heren Pistorius & Bicker Caarten. Om NLG 1.000 verkocht.
-  Twee dito aandelen. Om NLG 975 verkocht.
-  1/64e Aandeel in het barkschip MINISTER THORBECKE, varende onder directie van de heer J. Vroege. Om NLG 500 verkocht.
-  3/64e Aandelen in het barkschip MACAO, varende onder directie van de heer W.C. Versluys. Om NLG 700 opgehouden.
-  Twee dito aandelen. Om NLG 450 opgehouden.
-  Vier dito aandelen. Niet geveild.
-  Twee dito aandelen. Om NLG 380 verkocht.
-  4/64e Aandelen in het barkschip CANTON, varende onder directie van de heer W.C. Versluys. Niet geveild.
-  1/64e Aandeel in het barkschip DINA, varende onder directie van de heren Arbon & Co. Om NLG 650 verkocht.
-  1/100e Aandeel in het barkschip JAN SCHOUTEN, groot 381 last, varende onder directie van de heer Gerard Mauritz. Om NLG 335 opgehouden.
-  1/12e Aandeel in het driemast schoenerschip VALPARAISO, varende onder directie van de heer E. Serruys. Niet geveild.
-  1/32e Aandeel in het schroefstoomschip TRIËST, varende onder directie van de heren Reuchlin, Moll & Dutilh. Om NLG 1700 opgehouden.


  JB - Javabode

De 18e maart arriveerde te Batavia het gouvernements-stoomschip HERTOG BERNARD, kapt. J.J.H. Stolte, de 29e oktober l.l. van Amsterdam herwaarts vertrokken.


  JB - Javabode

Bezoeki. De kleine stoomboot, genaamd KRATON, die sedert enige maanden geregeld tussen Soerabaja en Bezoeki vaart, is onder een zware stortregen door hevige NW wind bij het opstomen van de rede, tegen het strand geslagen en aldaar gezonken.
De opvarenden en passagiers zijn gered, waarbij de fungerende havenmeester C.C. Smith zich zeer verdienstelijk heeft gemaakt, zijnde bij des nachts om 2 uur met de kleine bij de haven in gebruik zijnde sloep door de zware branding naar boord geroeid, en is het hem gelukt die mensen aan wal te brengen. De sloep van de KRATON, door de hevige golfslag verbrijzeld zijnde, bezaten de opvarenden geen middel om van hun toestand aan wal kennis te geven, daar de afstand te ver was om te kunnen worden gehoord, en de duisternis belette van het land te zien, wat op zee gebeurde. Eerst tegen half een gelukte het twee inlandse matrozen, zwemmende en door de branding voortgestuwd, het land te bereiken en van het plaats vindende ongeluk kennis te geven.
De KRATON had ditmaal een lading manufacturen in, ter waarde van NLG 70.000, benevens enige preciosa's (opm: waardevolle goederen) tot een bedrag van NLG 20.000, bestemd voor Bezoeki en Sumanap. Zowel door het bereidvaardig hulpbetoon van de inlandse bevolking, als de ijverige bemoeiingen van de fungerende havenmeester, is bijna de gehele lading, waaronder de diamanten en goudwerken, gered en in handen van de eigenaren, hoewel zulks niet zonder veel moeite en inspanning bewerkstelligd is geworden, alzo de boot tot bijna halverwege de schoorsteen des daags onder water ligt, en in dit jaargetijde de rede zeer onstuimig is.


21 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 maart: Zr.Ms. stoomfregat ZEELAND, kapt. ter zee Fabius, zal van Port Mahon hier binnenvallen. De aankomst van die bodem wordt hier spoedig tegemoet gezien. Zr.Ms. stoomfregat ADMIRAAL EVERTSEN, schout bij nacht Wipff, zal insgelijks van Port Mahon naar het Nieuwediep stevenen, terwijl Zr.Ms. stoomfregat ADMIRAAL VAN WASSENAAR met het eerste springtij van hier naar het Nieuwediep zal vertrekken, zullende laatstgemelde bodem, naar men verneemt, later worden opgelegd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. De 16e dezer heeft het Admiraliteitshof te Londen uitspraak gedaan in de zaak der aanzeiling van het Nederlandse schip CORNELIS GIPS, van Brouwershaven naar Cardiff en Hongkong, met het Engelse schip ACME, van Quebec naar Londen (opm: zie NRC 290960).
Het Hof heeft beslist dat de schuld ten deze alleen aan het schip ACME behoort.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Het schip (opm: tjalk) VROUW MARIA, kapt. J.G. Puister, van Leer naar Groningen, is de 16e maart te Delfzijl zwaar lek binnengelopen; hebbende op een paal gestoten. Het moet lossen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 maart. Heden arriveerde hier het nieuw gebouwde galjootschip ENGELINA, kapitein IJ.P.G. Konter, van Schiermonnikoog, groot plusminus 85 last, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand, en het nieuw gebouwde schoonerschip TWEELINGEN, kapitein H.B. Schuur, van de Wildervank, groot 175 ton, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


22 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Staat der Nederlandse zeemacht op 1 januari 1861:
5 fregatten met stoomvermogen, gezamenlijk met 253 stukken en 1950 paardenkracht; 2 korvetten met stoomvermogen, met 38 stukken en 300 paardenkr; 38 schroef stoomschepen met 421 stukken en 4814 paardenkr; 12 rader stoomschepen met 75 stukken en 2300 paardenkr; 1 rader stoomschip 3e kl. (behorende aan het dept. van koloniën, doch bemand wordende door de marine) met 4 stukken en 150 paardenkr; 8 drijvende batterijen met 178 stukken; 2 linieschepen der 2e kl. met 148 stukken; 3 fregatten der 1e kl. met 156 stukken; 4 fregatten der 2e kl. met 128 stukken; 1 geraseerd fregat met 22 stukken; 4 korvetten der 1e kl. met 88 stukken; 2 korvetten der 2e kl. met 30 stukken; 7 brikken met 108 stukken; 5 schoenerbrikken met 34 stukken; 4 schoeners met 10 stukken; 1 transportschip met 10 stukken; 13 verdedigingsvaartuigen met 65 stukken; 34 kanonneerboten, groot model (nieuw, oud en mortier); 11 kanonneerboten, klein model; 1 kanonneerboot in de West-Indië met 2 stukken en 1 schip tot verschillende diensten gebezigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Men schrijft uit Amsterdam: Ter beurze hoorde ik herhaalde malen beweren, dat de reders, die zich hier hadden verbonden om hunne schepen niet aan de Nederlandsche Handel-Maatschappij aan te bieden juist diegenen zijn, die er op dit ogenblik geen aan te bieden hebben. In een andere brief uit Amsterdam meldt men ons, dat door de Nederlandsche Handel-Maatschappij weder aan enkele schepen de 15% bij de vracht van NLG 110 zijn toegestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Het schip MARINUS EN GEERTRUIDA, kapt. Van der Tas (opm: kof, kapt. F. van der Tas), van Rotterdam naar Boston, is volgens telegrafisch bericht van Liverpool in zinkende staat verlaten (opm: PGC 260361 meldt op 40º N.B. 51º W.L, doch het volk gered en met uitzondering van één man te Liverpool aangebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Haagsma te Leeuwarden zal donderdag 4 april 1861, ’s avonds 6 uur, bij Brouwer in het Schippershuis aldaar, in een zitting veilen: een hechte overdekte Tjalkschuit, de JONGE ALBERT genaamd, groot 24 ton, met bijbehorende goederen, eigen aan J.P. van der Sluis, dadelijk te aanvaarden. Inmiddels uit de hand te koop, te bevragen bij Jetze de Jong aan de Potmarge te Leeuwarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een snelzeilende Boot, met bezaanzeil, 3 fokken en verder complete inventaris. Te bevragen bij W. de Ruiter te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op woensdag de 27e maart 1861, voormiddag 10 ure, zal bij het Pakhuis te Hoorn op het eiland Terschelling, publiek, om gerede betaling, worden verkocht: het wrak of casco van het op Terschelling gestrande Pruisische schoonerschip, genaamd WAIJA VAN RIGA, kapitein A. Barthis (opm: zie LC 190322), met een lading haver gekomen van Gothenburg en bestemd geweest naar Londen, bestaande in: zeilen, touwwerk, anker, kettingen en verdere scheepszaken; wijders, des namiddags van dien dag, in het logement het Scheepje te West Terschelling, plus minus vijftig lasten haver, minder of meerder door zeewater beschadigd, geborgen uit genoemd schip.
En zulks ten verzoeke van voornoemde kapitein, geassisteerd met de heer C. Zunderdorp, Scheeps-Commissionair te Terschelling, en voor rekening hunner principalen, wat betreft de lading, ten overstaan van de heer Mr. W. Bok, sub-agent van Lloyd’s enz, residerend te Texel. (opm: wrak nummer 449 Hydr. Dienst)


23 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Men verneemt dat de Kamer van Koophandel alhier bij meerderheid van stemmen besloten heeft over de vrachtvermindering der Nederlandsche Handel-Maatschappij geen adres aan de regering in te zenden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft heden de navolgende 32 schepen bevracht, zijnde 25 voor maart, en 7 die nog, met behoud der 15 pct. averij en kaplaken, toegevoegd worden aan de bevrachting van februari. Voor de schepen van maart is de vracht nu NLG 110 zonder meer, met de gewone reductie.
De 25 schepen voor de bevrachting van maart zijn:
Voor Rotterdam: NEDERLAND, kapt. F. Ruiter; MARY EN HILLEGONDA, kapt. H.O. Piccardt; VIJF VRIENDEN, kapt. C. Johann; NOACH, kapt. P. Wierikx; VRIENDSCHAP, kapt. J. Jansen; WELTEVREDEN, kapt. J.J. Duinker; GUURTJE EN MARIA, kapt. J. Kruyt; NEDERLAND EN ORANJE, kapt. L.F. van Ruyven, en VIER GEZUSTERS, kapt. J. Bik.
Voor Amsterdam: HENRICA, kapt. A.H. Strackholder; CORNELIA, kapt. J.B. Jaski; PEKING, kapt. H. Croese; BARON FORSTNER VAN DAMBENOY, kapt. N. Kruimel; MARGARETHA JOHANNA, kapt. K.L. Verschuur; HOLLAND, kapt. B. Aufn’orth; CELEBES, kapt. F.N. Reuvekamp Gille; DUIVELAND, kapt. H. Hagers; VICE ADMIRAAL GOBIUS, kapt. A. van Duyn; SUZANNA JOHANNA, kapt. J.F. Lammerts; S. VAN HEEL, kapt. D.H. Dietz; ALBLASSERWAARD, kapt. F.J.D.E. von Lindern; CONCURRENT, kapt. N.N, (de 6 laatste van Rotterdam); en CORNELIS GIPS, kapt. M. van Rijn van Alkemade (van Dordrecht).
Voor Schiedam: CHRISTIAAN HUYGENS, kapt. J. van Katwijk.
Voor Dordrecht: BERNHARD HERTOG VAN SAXEN WEIMAR, kapt. C.J.J.M. Gilbert.
De 7 schepen toegevoegd aan de bevrachting van februari zijn:
Voor Amsterdam: STAD DOKKUM, kapt. H.B.B. Jaski; GRAAF VAN HEYDEN REINESTEIN, kapt. J. Wamsteker; WILLEM HENDRIK, kapt. J. Beckering; ZEEPLOEG, kapt. J.H. van Wijngaarden, en JOHANNA, kapt. A.J.P.D. Swerver (de laatste van Rotterdam).
Voor Schiedam: VAN DER PALM, kapt. C. Markus.
Voor Dordrecht: GRAAF DIRK III, kapt. C.J. Rotgans.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cadix, 10 maart. Kapt. Bossinga, voerende het schip WIA GESINA (opm: kof WIEA GESINA), van Shields alhier aangekomen, rapporteert de 24 februari op 49º20’ N.B. en 05º50’ W.L, gezien te hebben een Nederlandse kof, drijvende mastloos en door het volk verlaten. Op de roerpen stond de naam Puister. (De Nederlandse kof RIKA [opm: RIEKA, zie NRC 210161], kapt. Puister, van Huelva naar Newcastle, is als vroeger gemeld bij Kaap St. Vincent gezonken, doch het volk gered.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 20 maart. De Belgische bark PROGRÈS, kapt. Van den Kerkhove, van Cardiff naar Barcelona, is alhier lek binnengelopen.


  JB - Javabode

Advertentie. Op maandag de 8e april 1861, ten 11 ure precies, zullen de ondergetekenden publiek verkopen: de ijzeren stomer JAVAAN, toebehorende aan het Bataviaasch Praauwenveer.
John Pryce & Co


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na een smartelijk doch geduldig lijden van ruim een vierendeels jaars overleed heden mijn dierbare echtgenoot Pieter Pijbes, in ‘t laatst rustend zeekapitein in de ouderdom van 68 jaren. Vierendertig jaren was hij mij een trouwe echtvriend en zijne kinderen een zorgdragend vader. Hoe gevoelig dit verlies mij in mijn zwakke toestand en de nog levende kinderen moge treffen, wensen wij echter Gode te zwijgen.
Nieuwe Pekela, 19 maart 1861                                 J. Huisman, wed. P. Pijbes
Algemene kennisgeving.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Tot diepe droefheid van mij en mijne verder betrekkingen overleed op 15 januari j.l. in de ouderdom van 37 jaren, op de Westkust van Afrika, mijn hartelijk geliefde echtgenoot; G. Kuiper Hz, voerende het schonerbrikschip COMPAGNIE.
Groningen, 21 maart 1861                            U.F.C. Kuiper, geb. Meurs
Enige kennisgeving


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kennisgeving. Op vrijdag 12 april 1861, des morgens te half tien uur, zal ter terechtzitting van de Arrondissementrechtbank, ten laste van Hendrik Jacobs Puister, schipper, wonende aan boord van zijn schip, liggende met hetzelfde in het Schuitendiep te Groningen, uit kracht van een Grosse ener acte van koop en verkoop verleden voor Mr. J.C. van Slooten, notaris residerende te Veendam, openlijk verkocht en aan de meestbiedende of hoogst afmijnende worden toegewezen: een overdekt tjalkschip, genaamd IMKA GIEZEN, volgens meetbrief geijkt op 78 ton, met al deszelfs opgoederen en toebehoren, thans liggende in het Schuitendiep, bij de Steentilpoortenboog te Groningen, in eigendom toebehorende en bevaren wordende door de geëxecuteerde, zijnde hetzelve ten verzoeke van Jan Roelfs Giezen, landbouwer wonende te Muntendam, gearresteerd bij procesverbaal van 8 maart 1861, daarvan door de deurwaarder P. Hekkema, wonende te Groningen, opgemaakt, behoorlijk geregistreerd en overgeschreven op 11 maart 1861 in het register der schepen en vaartuigen, ten kantore van Hypotheken te Groningen, in deel II No. 1486 Fol. 137 - 138. Dagregister deel 4. No. 739 bij de bewaarder, van Boneval Faure. Gemeld tjalkschip en toebehoren wordt door de executant ingezet voor de som van NLG 150.
Mr. H van Giffen, Procureur.


24 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 maart. De Amsterdamsche Courant en het Handels- en Effectenblad delen mede, dat het adres van adhesie van Rotterdamse reders en boekhouders van schepen aan het Amsterdamse adres, van een buitengewoon groot aantal handtekeningen voorzien, aan Z.Exc. de minister van koloniën is verzonden.
Tot toelichting van dat bericht kan dienen, dat de voornaamste boekhouders en reders hier ter stede dat adres niet getekend hebben, en dat zij, die het wel hebben getekend, ter hunner beschikking hebben een scheepsruimte van 19.066 lasten, terwijl zij, die het niet getekend hebben, over niet minder dan over 36.551 lasten kunnen beschikken (opm: in NRC volgt een correctie der cijfers).
Voorts is reeds gemeld, dat onze Kamer van Koophandel bij meerderheid van stemmen besloten heeft, geen adres aan de regering over de vermindering der vrachten in te zenden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 21 maart. De bark HERTHA, kapt. Hausken (opm: buitenlander), van Shields naar Napels, is op het Kentish-Knock gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 21 maart. Het Belgische schip AUGUSTIN, kapt. Le Boo, van Messina naar Stettin, is alhier binnengelopen om een lek te stoppen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 21 maart. De schoener BETSY (opm: buitenlander), van Pomaron naar de Clyde, is ten gevolge van aanzeiling gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 22 maart. De bark AUGUSTA (opm: buitenlander), van New-York naar Jersey, is 9 dezer in zinkende staat verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kanagawa, 3 januari. De Amsterdamse schoenerbrik FENNA, gevoerd geweest door kapt. J. Caspers, is alhier verkocht en eigendom der Japanners geworden (opm: zie JB 290561).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hunne meesters, zijn van mening op dinsdag de 9e april 1861, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend gekoperd en kopervast barkschip EVERDINA ELISABETH, ladende ruim 12.300 pikols, gevoerd door kapt. C.J. Tonjer, volgens meetbrief lang 37 el 90 duim, wijd 6 el 55 duim, hol 5 el 44 duim en alzo groot 600 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven, te Rotterdam. Het schip is in het jaar 1850 onder speciaal bestek en toezicht gebouwd. Nader onderrichting bij bovengemelde makelaars.
(opm: opgehouden voor NLG 33.000)


25 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Aan de Shipping and Mercantile Gazette van gisteren ontlenen wij het volgende: Volgens schrijven van kapt. Immink, voerende het Nederlandse schip PRINS VELDMAARSCHALK, dato Batavia 29 januari, was het schip op de reis van Cardiff naar Hongkong lek gesprongen en was hij dientengevolge, en ook omdat de equipage weigerde de reis door te zetten, genoodzaakt geweest de 23e januari ter rede van Batavia te ankeren. Nadat het lek zo goed mogelijk gerepareerd was, had men bevonden, dat de voorsteven enigszins ontzet was, doch men zou met toestemming van de expert en met inwilliging der equipage de reis voortzetten. (red: Zo als bereids gemeld is, vertrok de PRINS VELDMAARSCHALK de 29e januari van Batavia naar Hongkong.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 21 maart. Het Nederlandse schip ALBERTHA ROEMELING (opm: galjoot ALBERTHA ROMELING), kapt. B.J. Goosens, naar Genua bestemd, voor enige dagen van hier vertrokken, is heden met verlies van zeilen en verschansingen uit zee geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Corver, H.I. Rietveld, C.A. Schröder, B.D. Bosscher en P.F.A. Luytjes, makelaars, zullen op maandag de 15e april 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris D. van Dijk, verkopen:
een extraordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast schoener-brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd SLIEDRECHT, gevoerd door kapt. W. van Wijngaarden van Rees, volgens meetbrief lang 29 ellen 50 duimen; wijd 4 ellen 90 duimen; hol 3 ellen 27 duimen, en alzo gemeten op 240 tonnen of 111 lasten, ladende 153 rogge lasten.
Liggende te Rotterdam in het Haringvliet. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Boelen, makelaar, zal op maandag de 15e april 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads-Herberg, aan het IJ, verkopen:
-  Het Nederlands stoomschip FLEVO, volgens binnenlandse meetbrief brief 27 ellen 40 duimen, wijd 3 ellen 62 duimen, hol 2 ellen 9 duimen, en alzo gemeten op 123 tonnen na aftrek van de machinekamer, zijnde voorzien van 2 machines van 60 paardenkracht, vervaardigd in de fabriek van de heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel.
-  Het bijzonder goed ingericht en zeer snelvarend schroefstoom-plaisirjacht DE ADELAAR, lang 22 ellen 50 duimen, wijd 2 ellen 20 duimen, hol 1 el 20 duimen, zijnde voorzien van een paar stoommachines van hoge drukking, van een gezamenlijk vermogen van 12 paardenkracht, in 1860 geheel nieuw ingesteld, tubulaire stoomketel, strijkende schoorsteen en masten, tuigage en verder toebehoren; hebbende een voor- en achterkajuit, geschikt voor de overvoer van ruim 30 passagiers en voorzien van 12 slaapplaatsen, benevens volkslogies.
De beide stoomschepen zijn te bezichtigen aan de werf Vredenhof, op de Kadijk. Breder volgens biljetten en bericht bij bovengemelde makelaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Het Nederlandse schip (opm: fregat) TWEE ANTHONY’S, kapt. C. van Rijn van Alkemade, van Rotterdam met stukgoed naar Batavia gedestineerd, is bij Anjer gestrand, en zal weg zijn (opm: zie o.a. JB 060261). Passagiers en equipage zijn gered.


26 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In ons nommer van gisteren hebben wij medegedeeld dat de Rotterdamse boekhouders en reders, die het adres aan de regering omtrent de vrachtvermindering getekend hebben, ter hunner beschikking hebben een scheepsruimte van 19.066 lasten, en die welke het adres niet hebben getekend, over 36.551 lasten kunnen beschikken. Door een vergissing in de optelling was onze opgaaf niet juist. De adressanten beschikken over een scheepsruimte van 32.183 lasten en die het adres niet getekend hebben, over 23.562.
De eerlijkheid vordert van ons deze rectificatie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 maart. Volgens een ons medegedeeld particulier telegram uit Batavia is het, als gisteren gemeld, bij Anjer gestrande Nederlandse schip TWEE ANTHONY’S, kapt. Van Rijn van Alkemade, totaal verloren. Slechts een klein gedeelte der lading had men kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, als lasthebbende van hunne meester, zijn van mening op dinsdag de 16e april 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499, publiek te veilen: het snelzeilend gekoperd en kopervast fregatschip MARIA ELISABETH, gevoerd door kapt. K.J. Jonker, volgens meetbrief lang 39 el 90 duim, wijd 7 el 67 duim, hol 5 el 84 duim en alzo groot 794 tonnen of 420 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven, te Rotterdam. (opm: verkocht naar Noorwegen [nu MAGENTA], zie JB 070861)
Nog zullen afzonderlijk worden geveild twee chronometers, een sextant, een Azimuth kompas, benevens een partij boeken en kaarten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N, W.H. en H.N. Montauban van Swijndregt en F. en W. van Dam, te Rotterdam, zijn van mening te veilen op heden de 26e maart 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, No. 499: het
Nederlandse hek-tjalkschip VROUW IDA, gevoerd door schipper Roelof A. Steenbergen, volgens meetbrief lang 12 el 1 duim, wijd 4 el 1duim, hol 1 el 74 duim en alzo groot 83 tonnen, met al deszelfs rondhout, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals het ligt in de Blaak, nabij de Beursbrug, te Rotterdam. Inmiddels uit de hand te koop. Nadere onderrichtingen bij bovengemelde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Sedert 29 september 1860 tussen hoop en vrees geleefd hebbende, omtrent het lot van mijne geliefde zoon Nicolaas Stenger, oud bijna 29 jaar, gezagvoerder van de galjoot MAGRIETA CATHARINA, op reis van Kroonstad naar Harlingen, toen de Sont passerende en later niets meer van hem vernomen hebbende (opm: zie NRC 071260), moet ik tot het droevige besluit komen, dat hij met de equipage zijn graf in de golven zal hebben gevonden. Zwaar valt mij deze slag. Nevens mij denken met weemoed aan hem zijne broeders en zusters en de ouders zijner overledene echtgenoot Klaassens van der Ploeg.
Farmsum, 22 maart 1861                              J.C. Stenger


27 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkoping op dinsdag 26 maart in de zaal op de hoek van de Scheepmakers- haven en Bierstraat te Rotterdam: het Nederlands hektjalkschip VROUW IDA, groot 83 tonnen, voor NLG 1.100 opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Naar men verneemt, zullen de zeildagen van Zr.Ms. schroefstoom- schepen der 4e klasse de BERKEL en de VECHT bepaald worden op de 1e april of enige dagen later.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 24 maart. De Nederlandse schoener (opm: galjoot) BOUGINA LAMMECHINA, kapt. R.J. Veenhuizen, van Requejada naar Liverpool, is alhier lek binnengelopen (opm: zie ook NRC 070461).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, J.J. van der Meulen, A. Roland Holst, J.R. Bos Janszen, E.C.A. Koli en P.F.A. Luytjes, makelaars, presenteren op maandag de 6e mei 1861, des avonds ten 6 ure precies, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam, ten overstaan van de notarissen Louwerse en Biesman Simons, te verkopen:
-  Een snelzeilend, gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd PHILIPS VAN MARNIX, gevoerd door kapt. D. Duinker, volgens Nederlandse meetbrief gemeten op 1201 tonnen of 634 lasten.
-  Een snelzeilend, gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd JAVAAN, gevoerd door kapt. H. Munnix; volgens Nederl. meetbrief gemeten op 736 tonnen of 389 lasten.
En dat verder met al hun rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, als breder bij de inventarissen is vermeld.
De beide voorzegde fregatschepen liggen in het Oosterdok te Amsterdam.
Nader bericht bij bovengemelde makelaars, of bij de cargadoors Floris der Kinderen & Zoon, aldaar.


  AH - Algemeen Handelsblad

Delfzijl, 23 maart. Uitgezeild kof ANNECHIENA, kapt. J.A. Donga, naar Oudsoen.


  JB - Javabode

Advertentie. Het vertrek van de stoomboot PALEMBANG PACKET, kapt. Scheel, is bepaald op de 10e april e.k. naar Muntok en Palembang, en de 24e april e.k. naar de Lampongs.
De agenten, Buys, Jacobsen & Co.
(opm: eerste reis onder deze naam, ex-SAMARANG PACKET; de PALEMBANG PACKET, kapt. J.I. Scheel, was de 2e april 1861 van Soerabaija naar Batavia vertrokken om de dienst daar te beginnen)


  JB - Javabode

De 24e dezer is alhier (opm: Batavia) ter rede gekomen Zr.Ms. schroefstoomschip HAARLEMMERMEER, commandant P. Koning, van Nederland.


  JB - Javabode

Op het Noorder-eiland in de Straat Saleijer strandde de 16e februari de Hamburger bark DIDO, gezagvoerder Ipland, op reis van Singapore naar China. De equipage en een gedeelte van de lading zijn gered, doch het schip verloren. Het stoomschip REIJNIER CLAESZEN, derwaarts gezonden bracht de bemanning naar Macassar over.


  JB - Javabode

17 Februari. Op vrijdag, de 15e dezer werd de Hamburger bark DIDO, metende 135 lasten en gevoerd door kapt. H.F. Ipland, des namiddags te 3 uur, bij volkomen windstilte, door de sterke stroom vastgezet op het westelijke rif van het Noorder-eiland of Liijoekaugloe, in Straat Saleijer. Des avonds te 8 uur, toen er reeds vijf voet water in het schip stond, liet de gezagvoerder door vier man zich in de sloep naar Bonthain roeien, ten einde hier hulp te zoeken tot berging van de lading, bestaande in stukgoederen en 2.000 pikols rijst. Na ruim 14 uur roeien tegen wind en stroom in, bereikte men Bonthain. Van hier werd onmiddellijk bericht gezonden van het voorgevallene naar Macassar, terwijl men inmiddels door prauwen van Banthain (opm: slecht leesbaar) en Boelekomba getracht heeft zoveel mogelijk de lading op het Noorder-eiland te bergen. Het schip is meer dan waarschijnlijk reddeloos verloren. Op vrijdag de 1e februari j.l. van Singapore vertrokken was de bestemming naar Hongkong. De bemanning bestaat uit 13 personen, allen Europeanen.


  JB - Javabode

Macassar, 2 maart. Het wrak van de verongelukte Hamburger bark DIDO, is gisteren op de publieke vendutie verkocht voor NLG 1, zegge één gulden (opm: zie JB 250561).


  JB - Javabode

Macassar, 9 maart. Op vrijdag de 1e dezer werd de Nederlandse schoener BENIN, gevoerd door kapitein F.J. Walter, des avonds te 7 uur vastgezet op het rif van Takabakang (opm: in de Zee van Celebes). De daaraanvolgende zondag stoomde van hier het stoomschip GEDEH derwaarts, doch deze kon weinig hulp bieden, daar er geen ankergrond bij het schip was. Op dinsdag de 5e is de GEDEH geretourneerd met het droevig bericht, dat de equipage en passagiers waren gered doch dat het schip totaal verloren is en men dientengevolge niets van de lading redden kan. Naar men ons verhaalt heeft genoemd schip voor een lading van plm. 3 ton (opm: aan waarde) aan boord. Enige ingezetenen van Macassar hebben bij deze ramp vele schade geleden, dewijl sommige goederen niet geassureerd zijn.
Het schip en de lading zijn gisteren op de publieke vendutie verkocht voor een som van NLG 27.020.


  JB - Javabode

Lijst van Nederlandse schepen, in het tweede semester 1860 uit de grote vaart geraakt:



























































































Gem.
lasten



AMSTEL      - kapt. H.H. Rademaker

397

Verkocht – buitenl. vlag (opm: Engeland)

ADMIRAAL DE RUYTER - kapt. de Witt qq

279

Kaap de Goede Hoop - afgekeurd

ADR. JACOBA, ex. CORNELIA ALETTA - kapt. Detmers (opm: H. Dethmers)

116

Bij Macasser verongelukt (opm: op het
Daimata rif)

HESTER ADRIANA, ex. OUD NEDERLAND -   kapt. S. van Hees

475

Kaap de Goede Hoop - afgekeurd

JUNO                   - kapt. W.J. Chevalier

350

Bij Macasser gestrand en wrak

TRITON                - kapt. Y. Feenstra

372

Bij Taipingean Eilanden verongelukt

DRIE VRIENDEN - kapt. D.E. Nolting

160

Verkocht (opm: als ANNA LOUISA weer in de vaart)

WATERLOO        - kapt. D. Duinker

414

Te Batavia verkocht

BIESBOSCH        - kapt. J.H. Mugge

501

Te Batavia afgekeurd

DERKINA TITSIA - kapt. P. Esink

223

Bij Arends Eil. (opm: N.O.I.) verongelukt

PADANG              - kapt. M.W. Zwart

313

Verkocht – buitenl. vlag (n. Noorwegen)

LOUIS                  - kapt. J.P. Hessels

283

In Straat Macclesfield verongelukt

ULIJSSES, ex. OUD ALBLAS - kapt. F.T.A. Mollinger

416

Te Batavia afgekeurd (opm: nu in lokale kustvaart, zie NRC 301260)

TWEE JEANNES - kapt. A. van der Windt

359

In Str.Gaspar gestrand & verbrand

JAN PIETERSZOON KOEN - kapt. P.A.C. Hugenholtz

297

Te Batavia verkocht (opm: aan lokaal handelshuis, zie NRC 210161)

Te zamen

4.955

gemeten lasten

In Nederland gesloopte schepen :







































ECONOMIST  - kapt. S.C.J. Olivier

291

Gebouwd anno 1854

BORNEO        - kapt. D. van Amerongen (opm: zie NRC 040560)

326

Gebouwd anno 1842

SAMARANG   - kapt. A.M. Swarts

383

Gebouwd anno 1839

PHOEBUS      - kapt. J.G. de Roever (opm: zie NRC 130460)

271

Gebouwd anno 1830

ELISA             - kapt. W. Visser (opm: ELIZA, zie NRC 080460)

217

Gebouwd anno 1829

te zamen

1.488



Totaal    :

6.443

gemeten lasten.

Recapitulatie:
























Volgens no. 14 in het eerste Semester 1860

5.099

gemeten lasten.

In het tweede Semester 1860

6.443

gemeten lasten.

Te zamen :

11.541

gemeten lasten.

Tegen in anno 1859

12.277

gemeten lasten.


28 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 maart. Men verneemt, dat er meer volledige berichten zijn ingekomen over het ongeluk, aan het schip TWEE ANTHONY’S overkomen – zie ons nommer van 25 en 26 dezer – die melden dat hoogst waarschijnlijk een groot deel der lading zal worden gelost.
Aan boord van gemelde bodem bevonden zich als passagiers: de heer L.H. Deeleman, echtgenoot en drie kinderen; de heer B.A. de Quay, echtgenoot en kind; de heer J.C. Hoffman, echtgenoot, vier dochters en twee zoons; de heer G.D.R. Jansen, echtgenoot en drie kinderen; mevr. Groneman de Wilde; mejuffrouw Ch. Weimar, de heren mr. C.M. van der Leeuw, mr. J. Deketh, mr. C. Visser, M.H. Brandes, Ottenhof, W.C. Clis, E.D. Levyssohn Norman, Cambier en J.A. Vis; twee Javaanse bedienden. Zoals gemeld is, zijn geen mensenlevens bij die ramp te betreuren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 maart. Het schip (opm: fregat) OCEAAN, kapt. D. Herderschee, van Rotterdam naar Melbourne, is de 23e dezer met enige lichte schade te Cowes binnengelopen na veel slecht weder doorgestaan te hebben. De kapitein dacht de volgende dag de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 25 maart. Het alhier lek binnengelopen Nederlandse schip (opm: galjoot) BOUGINA LAMMECHINA, kapt. R.J. Veenhuijzen, van Requejada naar Liverpool – zie NRC van gisteren – moet lossen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 27 maart. Gisteren arriveerde alhier het nieuw gebouwde galjootschip (opm: schoener) JACOBA PETRONELLA, kapitein W.H. Kampen, van Sappemeer, groot 90 last, gebouwd bij E.H. Meursing te Hoogezand.


29 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Wij vernemen, dat Z. E. de minister van koloniën afwijzend heeft beschikt op het adres van reders en boekhouders hier ter stede, omtrent de vrachtvermindering.
Men verwijt ons, dat onze vergissing in het bedrag der scheepsruimte ter beschikking der reders die hier ter stede het adres omtrent de vrachten aan de minister getekend hebben, welke wij onmiddellijk hebben gerectificeerd, van invloed zou geweest zijn op het besluit der kamer van koophandel over het niet inzenden van een adres. Ter beoordeling der eerlijkheid van die aantijging kan dienen, dat het besluit der kamer vrijdag l.l. is genomen en het bericht in onze courant eerst zondag daaraanvolgende verschenen is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 februari. De Hamburger brik CHRISTIAN, groot 166 ton, is met de inventaris voor NLG 10.000, uit de hand verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 februari. Het Nederlandse schip TWEE ANTHONY’S, kapt. C. van Rijn van Alkemade, van Rotterdam op hier bestemd, is in de nacht van 5 dezer bij Anjer gestrand. Het schip zal geheel weg zijn, maar de passagiers en de bemanning zijn gered, benevens een groot gedeelte der lading, passagiersgoederen enz, doch alles is door zeewater zwaar beschadigd. Het wrak wordt de volgende week in veiling gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 februari. Het te Rotterdam te huis behorende schip TWEE ANTHONY’S, kapt. Van Rijn van Alkemade, met een aantal passagiers en een lading stukgoederen van Rotterdam naar Batavia bestemd, is in de nacht van 5 februari bij Anjer gestrand. Al de opvarenden zijn gered en de passagiers zijn hier per stoomboot BANDA behouden aangekomen. Hun bagage is grotendeels geborgen, gelijk ook de NLG 200.000 gouvernement specie (opm: muntgeld). Men is nog druk bezig met de berging der lading en dacht men, als het weer goed bleef, nog veel te kunnen redden. De JAVA wordt verwacht met een gedeelte der lading, doch alles is beschadigd. Het schip zit op zodanige wijze vast dat het, naar men vreest, geheel verloren zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 februari. Vrachten zijn in de laatste dagen beduidend gedaald ten gevolge van de gelijktijdige aankomst van verschillende bodems, een disponibele laadruimte van plm. 9.000 ton representerende, waarvan ca. 1.200 onder vreemde vlag. Ook worden de zware producten thans schaars, zodat men vrezen moet dat de vrachten nog meer zullen dalen, tenzij de vraag voor scheepsruimte naar China, die nu wat levendiger kan worden, daarin een gunstige wending brengt.
Sedert de laatste opgave werden de volgende charters van Nederlandse schepen bekend, als: MAARTEN VAN ROSSEM werd door de Factorij opgenomen à NLG 87,50 per last voor suiker op de kust te laden naar Rotterdam; NIEUW HOLLAND NLG 80 voor suiker op de kust te laden, NLG 75 van hier naar Amsterdam; CALYPSO NLG 82½ voor suiker te Probolingo te laden naar Amsterdam; SOPHIA KONINGIN DER NEDERLANDEN NLG 82½ voor suiker en NLG 65 voor tabak om te Soerabaija te laden naar Rotterdam.
De WILHELMINA sloot af naar de Golf van Perzië en terug voor NLG 23.500 in full.
Thans blijven nog disponibel de Nederlandse schepen ADRIANA PETRONELLA, WILLEM HENDRIK, HENRIETTE MARIA, JANNETJE, ZWALUW, ADMIRAAL PIET HEIN, JOHANNES LODEWIJK, BURGEMEESTER HOFFMAN, PRINSES CHARLOTTE, ALBRECHT BEIJLING, CITO, en DOGGERSBANK.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.A. Land te Franeker zal op maandag de 8e april 1861, des namiddags ten 3 ure, ten huize van H. Molenaar, in ’t Kaatsveld te Franeker, provisioneel verkopen: een overdekte gewegerde Tjalk, genaamd de TWEE GEBROEDERS, groot 37 tonnen, met zeil, fok, anker, drage (opm: waarschijnlijk dreg), watervat, haken, bomen, loeggangen (opm: schotten zijn waarmee de verschansing kan worden opgeboeid), touwwerk en zeetakels, zoals een en ander is liggende en te bezichtigen aan de Turfkaai te Franeker. Aanvaarding en betaling dadelijk: eigen aan Hendrikje en Taetske H. Swarts. (opm: LC 190461 meldt dat is geboden NLG 850)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Tjalkschip, groot 23 ton, met goede inventaris. Te bevragen bij de eigenaresse de weduwe Ch.F. Veenstra te Ureterp; liggende aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A.R. van Voorst te Heerenveen zal, ten verzoeke van de weledel gestrenge heer Mr. I.A. Willinge Prins, advocaat aldaar, als curator in het faillissement van B.P. Cats, dinsdag de 9e april 1861, des avond 7 uur, ten huize van logement houder Johs. Fonk te Heerenveen, publiek presenteren te verkopen, om terstond na de verkoop te leveren: een nog niet voltooid scheepshol, lang over steven ongeveer 21 ellen en 6 palm en wijd 5 ellen 1 palm en 7 duimen, staande op de werf de Morgenstond te Nijehaske.


30 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Torbay, 27 maart. Het Nederlandse schip (opm: sloep) MARIA, kapt. A. Ouwehand, van Amsterdam naar Oporto, is hier gisteren met gebroken grote boom binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 26 maart. Het Nederlandse schip LEO SINNIGE, kapt. Karsiens (opm: galjoot, kapt. H.A. Karssies), van Rotterdam in ballast naar Libau (opm: Liepaja) bestemd, is gisteren in het Kattegat aan de grond geraakt en heeft dientengevolge een lek bekomen en werpankers verloren. Het schip is alhier binnengekomen en moet kielen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

La Flotte, 26 maart. De alhier in averij binnengelopen Nederlandse kof CATHARINA, kapt. Schelts (opm: B.E.F. Scheltz), heeft de reparatie geëindigd en zal zodra de lading weder aan boord is, de reis voortzetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Op 27 maart is te Oude Pekela van de werf van Scheepsbouwmeester J.W. Kuiper met goed gevolg te water gelopen het schoonerschip PAULINE EN CORNELIA, groot plusminus 170 ton, voor rekening van de heer H.W. Roelants te Schiedam, zullende bevaren worden door kapitein H. Kuipers van Nieuwe Pekela.


31 maart 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 maart. Het schip JOHANNA, kapt. Roostee (opm: buitenlander), van Newcastle naar Havana, is de 21e februari op 38º N.B. en 87º W.L. verlaten; doch het volk gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 30 maart. Door kapt. De Groot, voerende het schip VASCO DA GAMA (opm: brik VASCO DE GAMA, kapt. H.B. de Groot), van Boston alhier binnen, is 12 maart op 42º N.B. en 42º W.L. gezien een om de O.N.O. koersende Pruisische bark, hebbende de stengen gebroken, terwijl hij de 26e daaraanvolgende, op 49º N.B. en 5º W.L, gepasseerd is een met de kiel boven drijvend schip, vermoedelijk een brik zonder verdubbeling, de stuurboordzijde enigszins beschadigd en zonder roer en loze kiel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 28 maart. De Nederlandse tjalk DOMINA, kapt. H. Wolthers, van Amsterdam met stukgoed naar hier en Rendsburg bestemd, is hier gisteren aangekomen. De kapitein vreest dat een gedeelte van de lading stukgoederen beschadigd zal zijn.


02 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 april. Volgens particulier bericht uit Lissabon, heeft Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP op de reis derwaarts een hevige storm doorgestaan, ten gevolge waarvan de machine onklaar is geworden, zodat men genoodzaakt zal zijn veertien dagen aldaar te vertoeven om te repareren. De boot had zich evenwel goed gehouden. Zij was door een Frans stoomschip naar de rede gesleept. Tegen half april dacht men te Nieuwediep binnen te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 april. Te Nieuwediep is de 30e maart, onder het lossen van de gebruikelijke saluutschoten, ter rede gekomen Zr.Ms. fregat met stoomvermogen VICE-ADMIRAAL VAN WASSENAAR, commandant-kapitein ter zee R. van Vos, komende van Vlissingen. Gezegd stoomschip ligt thans in de haven en zal 15 april buiten dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 april. Te Oude Pekela is de 27e maart, van de werf van de scheepsbouw- meester J.W. Kuiper te water gelaten het nieuw gebouwd schoenerschip PAULINE EN CORNELIA, groot plm. 170 tonnen, voor rekening van de heer H.W. Roelants te Schiedam, zullende worden bevaren als gezagvoerder door kapt. H. Kuipers van de Nieuwe Pekela.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 1 april. Volgens bericht van kapt. P. Flens, Johzn, voerende het schip JOHANNA EN GEERTRUIDA, van Banjoewangie naar Rotterdam, had hij op de hoogte van de Kaap veel slecht weder doorgestaan. In de morgen van de 9e februari werd men weder door stormweder overvallen en had men tegen een hoge wilde zee te worstelen, zodat het schip herhaaldelijk met de boegspriet onder water stampte. De kluiverboom met twee zich daarop bevindende mannen, die bezig waren de losgewaaide kluivers beter vast te maken, sloegen weg en een derzelve verdween in de golven. Kort daarna brak de voorsteng en groot bramsteng en was men verplicht door de hoog lopende zee en het zware werken van het schip het gebrokene zo spoedig mogelijk weg te kappen. Het schip is dicht en liep de 15e februari de Tafelbaai binnen om de geleden schade te herstellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 29 maart. Op het eiland Rottum is, volgens de Provinciale Groninger Courant, aangespoeld een gedeelte van een naambord waarop: MELTJE VAN HARLINGEN. Het schip WEMELTJE VAN HARLINGEN (opm: brik WEMELTJE, thuishaven Harlingen ex-Noorse FREIA, zie LC 130858), kapt. J. Kok Houwink, is de 24e maart van Harlingen naar Noorwegen vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 19 februari. De te Amsterdam te huis behorende brik JACQUELINE EN ELISE, kapt. J.H. Krukkenberg, van Java naar Amsterdam bestemd, is 26 januari lek in de Tafelbaai binnengelopen, hebbende gedurende de reis een hevige orkaan doorgestaan. Van de lading zijn 2.100 balen koffie en 138 kanassers suiker wegens beschadigdheid verkocht. De kapitein dacht ultimo februari gereed te zijn de reis te hervatten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder J.A. Nijsloot te Leeuwarden zal op donderdag de 4e april e.k, ten 5 ure na de middag, in het Schippershuis, op het Vliet aldaar, bij strijk en verhoog geld, verkopen: een overdekt Tjalkschip, genaamd de JONGE MEINDERT, groot 24 ton, zonder mast en zeil. Op de verkoopdag te zien in de Stadsgracht aan het Vliet.


03 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Volgens particulier schrijven van kapt. R.H. Mulder, voerende het campagne barkschip ROBERTUS HENDRIKUS, van hier naar Batavia bestemd, bevond hij zich de 24e januari l.l. in goede staat zeilende op 2º52' N.B. en 20º13' W.L; alles was wel aan boord. Kapt. Mulder vermeldt verder dat hij op de hoogte van Goudstaart (Engels Kanaal [opm: Start Point]) door een hevige storm is belopen, die drie dagen aanhield en in de nacht van 31 december op 1 januari een stortzee overkreeg, die de deuren van de campagne, alsmede de kap van de kerk (opm: ruimte voor de kajuit, die van de eigenlijke kajuit gescheiden was door een schot; men hield daar vroeger de kerkdiensten) aan stuk het een en ander aan dek los en weg sloeg, waardoor kerk en kajuit vol water liepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 1 april. Het schip MARIA, kapt. Reay, van Berdianski naar Cork, is 26 maart in zinkende staat door het volk verlaten, dat gered en hier gisteren met de Nederlandse kof ZEEMEEUW aangebracht is. (opm: volgens bericht uit PGC 060461 d.d. Lissabon 1 april zou de bemanning door kapt. J.E. Boekhout aldaar zijn aangebracht, zie ook PGC 020761)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne (Bornholm), 27 maart. De te Zwolle te huis behorende kof (opm: smak) VERTROUWEN, kapt. H. Dekker, van die plaats naar Dantzig bestemd en de Veendammer kof ROELFINA KUIPER, kapt. H. Reinders, van Londen met oud ijzer naar Dantzig bestemd, zijn alhier door dikte (opm: mist) aan de grond gekomen, doch zijn vlot gebracht en hebben de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men vraagt uit de hand te koop: een eerste klasse schip, van 250 tot 300 lasten, geschikt voor de grote vaart, van volledige inventaris voorzien. Reflecterenden gelieven zich te adresseren aan de cargadoors Van den Bey & Co, te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Wordt te koop aangeboden: een in 1859 nieuw gebouwd galjootschip, varende onder Deense vlag, groot circa 38 last roggen.
Informaties te bekomen bij Kuyper, Van Dam en Smeer, te Rotterdam.


  JB - Javabode

Advertentie. De verkoop van de stomer JAVAAN is uitgesteld tot de 12e april 1861.
John Pryce & Co.


  JB - Javabode

Padang, 15 maart. De Nederlands-Indische bark EMELIE, gezagvoerder A. de Wolff, de 10e dezer met gebroken fokkera, kluiverboom en verlies van zeilen binnengekomen, heeft van de 5e tot de 16e februari bewesten Straat Siboeroeh veel met stormweder uit het noordwesten en westnoordwesten en een ongewone zuidooster-stroom te kampen gehad, waardoor dat schip bezuiden de Paggeh-eilanden is afgedreven.


04 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 2 april. Gisteren is alhier voor de Sloot aan de grond gestoomd de stoomboot AMSTERDAM, kapt. W. Welman, van Hamburg naar Amsterdam. Dezelve zat heden bij het vertrek der post nog vast.


05 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 3 april. De stoomboot AMSTERDAM, gisteren voor de Sloot aan de grond geraakt, zat heden nog vast en is zwaar lek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop of te huur: een florissante in werking zijnde Scheepstimmer­werf, gelegen te Deinum aan de Harlinger Trekvaart.
Te koop: een nieuw groot schip, groot 26 ton, een beste oude overdekte Praam.
Te bevragen bij Andries Nieuwland te Marssum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Tjalkschip, met zeil en treil, groot 23 ton, alsmede een nieuwe praam, groot 6 ton. Met franco brieven te bevragen bij de Scheepsbouwmeester Johs. C. Sjollema te Woudsend.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Amsterdam – Kaap de Goede Hoop. Naar Kaapstad, Port-Elisabeth en Port-Natal, ligt te Amsterdam in lading, om in de loop der maand mei te worden geëxpédieerd: het snelzeilend gekoperd Campagne Fregatschip ZAANSTROOM, gevoerd door kapitein R.L. Schaap, varende een bekwame Doctor en ingericht voor de overvoer van passagiers.
Adres bij de heer reder M.C. Lapidoth, tevens agent der Nederlandsche Landbouw-Emigratie Maatschappij, of bij de cargadoors Hoijman en Schuurman, beide te Amsterdam.


06 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 2 april. Het stoomschip AMSTERDAM, van Hamburg naar Amsterdam, voor de Sloot aan de grond geraakt – zie ons vorig nommer – zal vermoedelijk weg zijn. De lading wordt zwaar beschadigd geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Commanditaire vennootschap W. Cores de Vries te Batavia, W. Ruys J.D.zn en R.W. Besier, als gevolmachtigden van die genootschap hier te lande, berichten aan de houders van obligaties in de geldlening, groot NLG 400.000 ten laste dier vennootschap, dat op de 1e juli aanstaande tot de aflossing dezer obligatiën zal moeten worden overgegaan, en worden alzo houders van dezelve opgeroepen om vanaf die dag, tegelijk met de coupon alsdan vervallende, die obligaties tot aflossing te doen aanbieden ten kantore van de heer Besier en Jonkheym, Boompjes, Wijk, no. 47 te Rotterdam, zullende na die datum geen rente op die obligaties meer worden gevalideerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dunbar, 4 april. Het schip BERENDINA of BRENDINA, is op Carr-Rocks (opm: waarschijnlijk bedoelt men Bass Rocks, 56º4’ N.B. 2º38’ W.L.), 8 mijlen ten westen van deze plaats gebleven. (red. de schoener BERENDINA, kapt. J.G. Bossinga, van Wildervank, vertrok 24 maart van Vlissingen naar Dunbar.)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 5 april. Gister arriveerde hier het nieuw gebouwde kofschip (opm: galjoot) JANNA MEIJER, kapitein E. Datema, van Groningen, groot 55 last, gebouwd bij W.G. Bodewes te Martenshoek en heden de nieuwe kofschepen (opm: galjoten) DIEVERDINA ALIEDA POT (opm: DIEWERDINA ALIDA POT), kapitein J. Top, van Groningen, groot 50 last, gebouwd bij R. Berg te Sappemeer, en de WILHELMINA GIEZEN, kapitein C.H. Wagenaar, van Veendam, groot 60 last, gebouwd bij P. Smit, mede van Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lissabon, 1 april. Het schip MARIA, kapitein Reay, van Bardianski met tarwe naar Queenstown, is op 26 maart in zinkende staat door het volk verlaten, dat door kapitein J.E. Boekhout, voerende het schip ZEEMEEUW gered en alhier werd aangebracht.
(opm: volgens bericht uit NRC 030461 d.d. Shields 1 april zou de bemanning door kapt. J.E. Boekhout aldaar zijn aangebracht)


07 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dunbar, 5 april. Het gisteren gemelde schip is gebleken te zijn de van Brussel komende Nederlandse schoener BERENDINA, kapt. J.G. Bossinga.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 april. Het schip CONCORDIA, kapt. Blijstra (opm: kof, kapt. A.R. Blijstra), van Harlingen naar Christiania (opm: Oslo), is met verlies van de bezaansmast door aanzeiling te Christiansand binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 april. Het schip ADELHEID, kapt. Cramer (opm: buitenlander), is volgens bericht van Leer van de 28e maart, te S. Andero in de haven omgevallen en vol water gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 5 april. De brik STAD VLISSINGEN, van hier naar Rotterdam bestemd, is bij het uitslepen aangezeild door de van New York komende bark J.C. KUHN. De brik verloor daardoor voorsteng, bramstengen met raas en bekwam nog meer andere schade. Zij kwam terug om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 1 april. Onder meer andere kleine wrakstukken is alhier aan strand gespoeld een naambordje, waarop staat BOUGINA LAMMECHINA. (red. het Nederlandse schip van die naam, gevoerd door kapt. Veenhuizen en van Requejada naar Liverpool bestemd, is 24 maart lek te Plymouth binnengelopen [opm: zie NRC 270361 en PGC 160561].)


08 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Aangaande het stoomschip AMSTERDAM, van Hamburg herwaarts gedestineerd, bij 't Vlie gestrand, wordt volgens brief van Harlingen van 6 dezer, gemeld dat het, ofschoon de lading gelost was, nog niet vlot was geworden. Alle pogingen werden aangewend om het af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helgoland, 5 april. De Nederlandse kof JACOBUS, kapt. J.H. Koning, van de Eider met tarwe naar Amsterdam, is wegens contrarie-wind, alhier ter rede geankerd.


09 april 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 8 april. Heden arriveerden alhier het nieuw gebouwde schoonerschip ALIEDA (opm: ALIDA), kapitein J. Oorburg, van de Wildervank, groot 165 ton, gebouwd bij H. Bieze te Veendam, en het nieuw gebouwde schoonerschip VOORUITGANG, kapitein W.R. Lukens, van Nieuwe Pekela, gebouwd bij H.H. Nijhuis te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 3 april. Heden namiddag werd alhier van de werf van scheepsbouwmeester J.G. Bodewes met goed gevolg te water gelaten het schoonerschip GEZIENA ALIDA, groot plusminus 150 ton, zullende bevaren worden door kapitein D. Botje, van 't Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 april. Heden arriveerde alhier het nieuwgebouwde galjootschip HARMONIE, kapitein L.J. van Peer, van Veendam, gebouwd bij J.A. Hooites te Foxholsterbos.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Als een bijzonderheid wordt ons bericht, dat op 30 maart j.l. van Hamburg vertrokken is, kapitein J.M. Beukema, schoonerschip SPES NOSTRA, beladen met stukgoederen naar Buenos Ayres, o.a. meenemende vijf schapen, waarvoor als vracht wordt betaald NLG 420, benevens een afzonderlijke knecht om op ze te passen en te verzorgen, en voor 120 dagen fourage. Wegens de enorme prijs die deze schapen zullen kosten, als zij de bestemmingsplaats bereikt hebben, dacht men dit wel vermeldenswaardig.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Men schrijft ons uit Veendam, d.d. 7 april: De vorige week zijn door het Benedenverlaat (opm: sluis) 3 grote zeeschepen (alhier gebouwd) gepasseerd om in Groningen verder voltooid te worden. Wij maken hiervan melding om de vele moeite en werk die aangewend moet worden om deze schepen van het grootste kaliber, die hier gebouwd worden, zijnde plusminus 100 last, door deze gemeente te brengen, moeten alle draaien en klappen (opm: bruggen) opgebroken en weder hersteld worden, terwijl ook het vaartuig veel te lijden heeft en ook de landbouw heeft er veel schade van, daar deze 3 dagen nodig hadden eer ze door het Benedenverlaat konden worden gebracht en dat het verlaat niet mocht stromen, daar het water in Veendam moest blijven, waardoor de landerijen onder die gemeente onder water liepen; mocht de kanalisatie toch spoedig tot stand komen, opdat de industrie niet meer benadeeld worde (en daartoe spoedig bij de Staten Generaal de nog steeds verwachte wet inkome).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 9 april. Van de werf van scheepsbouwmeester J. Berg werd hedenvoormiddag met goed gevolg te water gelaten het schoonerschip, genaamd VREDELUST, groot plusminus 190 ton, zullende bevaren worden door kapitein J. Scholten, van de Wildervank.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 7 april. Volgens brief van kapitein Hoeksma (opm: P. Hoekstra), voerende het schip (opm: bark) PROVINCIE DRENTHE, van hier naar Kaap de Goede Hoop, in dato 6 april, bevond hij zich toen in goede staat zeilende op de hoogte van het Zuid-Voorland; aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

North Shields, 4 april. Het schip (opm: brik) STAD VLISSINGEN, kapitein Schaafsma, van hier naar Rotterdam vertrokken, is met verlies van stengen en met schade aan de romp teruggekomen, zijnde aangevaren.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 7 april. Maandag l.l. (opm: 1 april) geraakte de stoomboot de STAD AMSTERDAM, van Amsterdam op Hamburg, en toebehorend aan de Amsterdamsche Stoomboot Maatschappij, door dikte van lucht uit het vaarwater en kwam in de sloot van ’t Vlie aan de grond. Ofschoon de lading op Terschelling werd geborgen, mocht het aan onderscheidene kleine vaartuigen niet gelukken, de stoomboot weder in diep water te brengen. Daarom werd de stoomboot HARLINGEN, na aankomst van Amsterdam alhier, met de nodige manschappen en het vereiste materieel ter assistentie derwaarts gezonden, doch even vruchteloos, daar stroom en branding de hulp onmogelijk maakten, en de stoomboot HARLINGEN hier in de late avond met verlies van een anker en circa 20 vademen ketting terug keerde.
Gisteren is nogmaals ter hulp derwaarts gestoomd de voormalige Texelse stoomboot, de ZUIDERZEE, aan de heren Harmens alhier toebehorende; maar, ofschoon de uitslag hier nog onbekend is, denkt men echter, dat de STAD AMSTERDAM niet te redden zal zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop: een in 1859 geheel nieuw uitgehaald Tjalkschip, met complete inventaris, groot 35 tonnen, liggende en te bevragen bij de Scheepstimmerbaas Jacob Boorsma te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht Veerschip, 16 ton, bij J. van der Meer te IJlst.


11 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nassau, 18 maart. De schoenerkof HELENE, kapt. De Boer, van St. Domingo met een lading koffij naar Queenstown, is 10 maart op Fortune-Island aan de grond geraakt, doch kwam met assistentie weder vlot en hier binnen. Het schip is sedert afgekeurd en de lading verkocht.
(opm: buitenlander)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nassau (N.P.), 18 maart. De Nederlandse kof JACOBINA, kapt. J.R. Legger uit Veendam, van St. Domingo met koffie naar Gibraltar, is bij Inaqua (opm: Inagua, Bahamas) verongelukt. De lading is gered en aldaar verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hun meester, zijn van mening op dinsdag de 30e april 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, Wijk 1, no 499, publiek te veilen: het snelzeilend, gekoperd en kopervast barkschip PRESIDENT VAN BUREN, laatst gevoerd geweest door kapt. D. Visser, volgens meetbrief lang 29 el, wijd 4 el 93 duim, hol 3 el 91 duim, en alzo groot 248 tonnen of 131 lasten; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Haringvliet, zuidzijde.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 9 april. Vertrokken ILBINA, kapt. T.F. Bloema, naar Dantzig (opm: Gdansk).


12 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 11 april. Heden avond is van de scheepstimmerwerf van de heer F. Kloos met het beste gevolg te water gelaten het fregatschip ANTHONY VAN HOBOKEN, groot plm. 400 gemeten lasten, onder directie van de heer B.W. Kaars Sypestein te Krommenie en gevoerd zullende worden door kapt. H.P. Hazewinkel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 april. Het stoomschip AMSTERDAM, van Hamburg herwaarts gedestineerd, bij 't Vlie gestrand, is, volgens telegram van Harlingen, weder in vlot water en gisterenavond in Terschelling gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Poole, 9 april. De Nederlandse kof ANNECHINA, kapt. P.E. van Wijk, 84 dagen reis van Napels naar Rotterdam, is hier wegens gebrek aan provisie en om het schip schoon te maken binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Kofscheepje, met complete inventaris, groot 17 tonnen. Te bevragen bij G.P. Dijkstra te Hantumhuizen en bij H.H. Vink, Scheepstimmerbaas op de Streek bij Dokkum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Turfschip, groot 26 ton.
Te bevragen bij F. Bergsma te Makkum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal, ten verzoeke van R.A. de Ruiter, zaakwaarnemer aldaar, op zaterdag de 20e april 1861, des namiddags ten 3 ure, in het logement Het Haagse Wapen van H.F. de Boer te dier stede, publiek presenteren te verkopen: een Tjalkschip, genaamd de WELVAART, gemeten op 27 ton, met daarbij zijnd zeil, treil, anker, staand en lopend want en verder scheepstoebehoren, zodanig hetzelve nu is liggende in de Trekvaart bij de werf van D.R. van der Zee te Harlingen.


13 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. De Shipping & Mercantile Gazette behelst een rapport van kapt. J.G. Bossinga van het verongelukte Nederlandse schoenerschip BERENDINA, van Brussel naar Dunbar bestemd – zie NRC van 6 en 7 dezer – meldende dat het schip hoog op strand zit, met de bodem eruit gestoten. De equipage schijnt gered te zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 9 april. Het alhier met schade wegens aanzeiling uit zee geretourneerde Nederlandse brikschip STAD VLISSINGEN, kapt. Schaafsma, zal een gedeelte van de lading moeten lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De veiling van het op de 16e april ter verkoop aangeslagen fregatschip MARIA ELISABETH, kapt. K.J. Jonker, gebouwd in 1841, groot 420 lasten, zal geen voortgang hebben, zijnde uit de hand verkocht (opm: verkocht naar Noorwegen).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nassau (N.P), 18 maart. Het Ned. (?) brigantijnschip HELENE (opm: het vraagteken is van de redactie; het schip is vermoedelijk een buitenlander; zie ook NRC 110461), van St. Domingo met koffie naar Queenstown is op 10 maart op Fish Cays, bij Fortune eiland gestrand en sedert afgekeurd. De lading is verkocht.


14 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 maart. Vrachten. Ten gevolge van het arrivement van vele vrachtzoekende schepen ondergingen de vrachten een aanzienlijke verlaging. De volgende schepen vonden emplooi: Nederlands PRINSES CHARLOTTE, 266 ton, door de Nederlandsche Handel- Maatschappij opgenomen à NLG 85 voor suiker en indigo, te Pekalongan en Samarang te laden naar Rotterdam; Nederlands ALBRECHT BEYLING, 507 ton, NLG 75 voor suiker te Samarang naar Amsterdam; Nederlands HENRIETTE MARIA, 801 ton, NLG 70 voor suiker en NLG 60 voor tabak, te Soerabaja en Probolingo naar Amsterdam.
Onbevrachte Nederlandse schepen: JANNETJE, ADMIRAAL PIET HEIN, JOHANNES LODEWIJK, DOGGERSBANK, BURGEMEESTER HOFFMAN, ADRIANA PETRONELLA, POSTILJON, SOUBURG, PROTEUS, GOUVERNEUR-GENERAAL DUYMAER VAN TWIST, NIJVERHEID, CHRISTINA EN JEANETTE, en CITO.
De ULYSSES, PRINS HENDRIK en WILLEM HENDRIK maken kustreizen. De GENERAAL MICHIELS en TWEELING ZUSTERS werden door het gouvernement ingehuurd voor de overvoer van rijst en zout naar Tjilatjap.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 12 april. Aangaande het schip REBECCA, kapt. Hughes (opm: buitenlander), 13 oktober 1860 van Alexandrië naar Falmouth vertrokken, vernam men sedert niets.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 10 april. Het schip (opm: bark) ADMIRAAL METLIN, kapt. G. van der Velde, van Rotterdam naar Kroonstad, is heden de Sont gepasseerd en zal bij Kopenhagen ankeren, om orders af te wachten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 7 maart. De alhier van Cardiff gearriveerde Nederlandse bark HENDRIK JAN, kapt. J. van der Meyden, heeft in Straat Rhio (opm: Straat Riouw, thans: Selat Riau) gestoten en dientengevolge een lek bekomen. Omtrent deze klip of rots rapporteert kapt. Van der Meyden het volgende: de 24e februari kwam ik met een goede gelegenheid Straat Rhio in; had behoorlijke peilingen gehad, het scheepsvolk op de uitkijk en het lood gaande. Ten 1 uur namiddag passeerde ik het eiland Terobi en stuurde van daar West ten Zuid, tot Alligator-Eiland vrij was van de ZW.-hoek van Poelo Talang. Nu veranderde ik mijn koers en stuurde met een zeven-mijls vaart West, toen, circa 3¼ uur, het schip vrij hevig op een klip stootte, zonder dat het verkleuren van het water of enig ander teken mij voor het gevaar waarschuwde. Het schip verloor zijn vaart niet, maar helde aan stuurboord over en ging recht over de klip heen. Deze rots, die een scherpe punt schijnt te hebben, ligt op de navolgende peilingen: de Zuid Oost hoek van Poelo Talang NNW; de Zuid West hoek van Poelo Siolang in een lijn met de ZW hoek van Poelo Talang. Het lood gaf aan beide zijden 17 tot 18 vademen diepte. De kaart die ik aan boord had, was in 1858 te Batavia door de Commissie tot Verbetering der Indische Zeekaarten uitgegeven. Zij wees die klip niet aan en deze zal ook wel tot heden niet bekend geweest zijn.


15 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 april. Het te Melbourne aangekomen Nederlandse schip (opm: bark) JULIA, kapt. A. van der Tas, zou 4 maart naar Ilo-Ilo vertrekken ter inneming van een lading suiker in retour voor Melbourne.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 13 april. Het Nederlandse schip (opm: schoener) ONCKO EN JOHAN, kapt. R. Groenenberg, van Newcastle met stukgoed naar Riga, en het Engels schip QUEEN OF THE SEA, kapt. Martindale, van Sunderland naar Stettin (opm: Szczecin), zijn gisteren alhier gestrand en beiden verloren. De bemanningen zijn gered. (opm: zie NRC 200461, 220461 en 050561)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ibraïl, 31 maart. Het Nederlandse schip (opm: schoener) IRENE, kapt. L.J. de Vrede, van Liverpool te Galatz aangekomen, heeft op de rivier aan de grond gezeten en daardoor schade bekomen.


16 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 35 schepen als:
Voor Rotterdam: SOUBURG, kapt. M.W. Zwart; CORNELIA HENDRIKA, kapt. J. van der Meulen; KONINKLIJKE NEDERLANDSE YACHT-CLUB (opm: KONINKLIJKE NEDERLANDSCHE YACHTCLUB), kapt. T.L. Zack; JULIE, kapt. R. Brem; MARIA ANNA, kapt. J.D. Van Monnom; MADURA, kapt. B.A.T. van Bruggen; HOLLANDS TROUW, kapt. N.H. Keuker; LUCONIA, kapt. C.J.D. Hulshof; CATHARINA MARIA, kapt. A. van der Tak; PIETER, kapt. H. Hoogewerf; RHIJNVIS FEITH, kapt. A.F. Lammerts.
Voor Amsterdam: PRINS HENDRIK, kapt. J. Verloop; STAD ASSEN, kapt. H.J. Haverbult; GEBROEDERS, kapt. C. de Groot; WILHELMINA EN CLARA, kapt. C. Abrahamsz Jz; JACOBA EN CHRISTINA, kapt. T.P.J. Jaski; JACOB ROGGEVEEN, kapt. J. Vos van Marken; AZIA, kapt T. Molenaar; WILLEM DANIEL, kapt. T. de Meester; CAPELLA, kapt. P.H. Landweer; TJILLINGSIE (opm: TJIELINGSIE), kapt. P. Ouwehand; ZWAAN, kapt. K.J. van Hemert; BARON VAN HARDENBROEK, kapt. H.A.C. Henny; MINISTER VAN HALL, kapt. C. de Haas; DOCTRINA ET AMICITIA, kapt. J.C. Strootman; EUGENIE, kapt. E.J. Bergman (van Rotterdam); ADMIRAAL VAN HEEMSKERK, kapt. J. Koning; EERSTELING, kapt de Zeeuw Bagchus Wz; TAGAL, kapt. J.F.H. Göbel (de drie laatsten van Dordrecht).
Voor Dordrecht: HELLEVOETSLUIS, kapt. W.J. Vos; EUTERPE, kapt. A. Kuipers; KOSMOPOLIET, kapt. J. Bouten.
Voor Schiedam: H. LIDUINA, kapt. A. van Brink; JUNO, kapt. W.H. Nicolai (van Rotterdam). Voor Middelburg: REGINA MARIS, kapt. P. Ouwehand.
Behalve deze 35 schepen heeft de Nederlandsche Handel-Maatschappij nog in deze bevrachting opgenomen voor Rotterdam het schip JULIA, kapt. A. van der Tas, en voor Amsterdam het schip COLOMBINE, kapt. C.A. Malbrone (van Rotterdam). Voor deze beide schepen werd de bevrachting echter niet geaccepteerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H. N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, zullen op last van hun meesters op dinsdag de 30e april des namiddags ten half een uur, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip JAN VAN BRAKEL (opm: thuishaven Rotterdam), laatst gevoerd door kapt. C. Verheij Bz, volgens meetbrief lang 34 el 30 duim, wijd 6 el 36 duim, hol 5 el 3 duim, en alzo groot 488 ton, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Zalmhaven binnen deze stad.
Nog zullen afzonderlijk worden verkocht twee chronometers, van Charles Frodsham no. 2877 en 2166, benevens enige kaarten en boeken.
Nadere informaties zijn te bekomen bij bovengemelde makelaars.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 14 april. Er bestaat thans hoop, dat hier een lang gevoelde behoefte zal worden voorzien. Onze schepen worden, tot nu toe, dikwijls lang door tegenwind verhinderd om onze haven of de rede van ’t Vlie te verlaten. Ten einde dit bezwaar op te heffen, hebben de heren Harmens en Penning alhier besloten concessie aan te vragen om met hun stoomboot de ZUIDERZEE schepen van hier naar de rede van ’t Vlie of tot in de Noordzee te mogen slepen, en tevens om passagiers en goederen naar Terschelling over te voeren. Indien de concessie, zoals wij hopen, wordt verleend, dan zal de onderneming worden geleid door de heer J. Vellenga, cargadoor en expediteur alhier, als agent. Wij twijfelen niet of dit bericht zal door onze zeevarenden met genoegen worden vernomen en de in werkingstelling der stoomsleepdienst met belangstelling worden tegemoet gezien.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. Horat Albarda, notaris te Leeuwarden, zal op woensdag 24 april 1861, des namiddags 5 uur, ten huize van A.R. Boersma, kastelein te Roordahuizum, provisioneel verkopen: het Veerschip de GOEDE VERWACHTING, varende in de beurt van Roordahuizum op Leeuwarden en Sneek v.v, met het daarbij behorend recht van veer, alsmede met zeil en treil en complete inventaris, zodanig hetzelve door Klaas Sijbes Lootsma als eigenaar wordt bevaren, zijnde gemeld vaartuig gemeten op 13 ton en in een solide en wel onderhouden staat.
Te aanvaarden 12 mei 1861. Bij biljetten nader omschreven.


17 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 april. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND, onder bevel van de kapt. ter zee G. Fabius, is in de morgen van de 16e dezer ter rede van Vlissingen aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boston, 26 maart. Met het Nederlandse brikschip (opm: schoener) SIRENE, kapt. J.P. Schroot, is alhier aangebracht de bemanning van het Engelse schip WILLIAM HAMMOND, welke bodem op de reis van New Orleans naar Cork door de equipage verlaten is.


18 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. De 16e dezer is te Nieuwediep Zr.Ms. nieuw gebouwd flottielje-vaartuig APELDOORN in dienst gesteld. Het bevel over die bodem is, gelijk gemeld, opgedragen aan de luitenant ter zee 1e klasse J.A.H. Hugenholtz. In de loop van de volgende week vertrekt het schip naar West-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 april. Eerstdaags zal Zr.Ms. brik DE LYNX van hier worden getransporteerd naar Rotterdam, ten einde de brik DE AREND te vervangen als kostschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Blijkens een bij het departement van marine ontvangen telegram, is de schout bij nacht H. Wipff, commanderende het Nederlandse oefenings-eskader, in de morgen van de 17e dezer met Zr.Ms. fregat met stoomvermogen EVERTSEN, onder bevel van de kapitein ter zee M.D. van Vreeland, ter rede van Texel aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ismaila, 31 maart. Het schip (opm: schoener) IRENE, kapitein L.J. de Vrede, van Liverpool te Galatz aangekomen, heeft op de rivier aan de grond gezeten en daardoor schade bekomen.


19 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Aan de laatst gesloten bevrachting door de Nederlandsche Handel- Maatschappij is nog toegevoegd de SUSANNA ELIZABETH (opm: bark SUZANNA ELISABETH), kapt. C. Ouwehand, voor Middelburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 17 april. Het alhier binnengelopen Nederlandse schip (opm: schoener) CATHARINA HERMANNA, kapt. D.D. Visser, van Buenos Ayres naar Antwerpen bestemd, heeft zeilen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 28 februari. Het Nederlandse schip (opm: bark) CATHARINA MARIA, kapt. A.T. Schuchard, van Banjoewangie naar Rotterdam, heeft op 27º Z.B. en 72º O.L. een typhoon doorgestaan en is dientengevolge gisteren lek en met andere schade in de Simons-Baai binnengelopen. Het schip moet een groot gedeelte van de lading, die beschadigd is, lossen om te repareren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt, goed onderhouden Kofscheepje, groot 12 ton, met complete inventaris, liggende te Gorredijk.
Te bevragen bij de heer J.G. de Jongh aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen zal op woensdag de 1e mei 1861, des namiddags ten 4 ure precies, provisioneel, en des avond 8 uur precies finaal, te Harlingen, in het logement van H.F. de Boer aldaar, publiek verkopen: de gerechte helft in het geoctrooieerd Trekveerschip, varende van Harlingen op Franeker en terug en daarbij behorende losse goederen, zodanig als het thans wordt bevaren door V.D. Zeilmaker en M. Hovenier.


20 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 14 april. De bij Hoidbjerg (opm: mogelijk Bulbjerg, Jammerbocht) gestrande Nederlandse schoenerkof ONCKO EN JOHAN, kapt. R. Groenenberg (opm: zie NRC 150461), van Newcastle naar Riga, zal geheel verloren zijn. De bemanning is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Konstantinopel (opm: Istanbul), 17 april. Het Nederlandse schip (opm: brik) ANNA MARIA, kapt. H. Siegers, van Ibraïla komende naar Falmouth, is bij het fort van de Dardanellen aangevaren en heeft ten gevolge daarvan veel schade bekomen (opm: zie PGC 020561 en NRC 130561).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 19 april. Heden arriveerden alhier de nieuw gebouwde schoonerschepen ANTILOPE, kapitein H.H. Panjer, groot 110 last, gebouwd bij de Gebr. Dekker, beide te Veendam; ELTICA MEEZENBROEK, kapitein G.S. Vegter, van Veendam, groot 100 last, gebouwd bij G.R. van der Werff te Wildervank, en de HUNZE, kapitein B.J. Mulder, van Veendam, groot 110 last, gebouwd bij A. Maathuis te Sappemeer.


21 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Volgens een op heden alhier ontvangen telegram is het Nederlandse schip POMONA, kapt. Van der Sloot, van Rotterdam naar Hapsal, bij Dagoe gestrand (opm: zie NRC 220461). Volgens hetzelfde depeche zit de haven van Reval nog vol met ijs.


22 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval (opm: Tallinn), 20 april. Het schip POMONA, kapt. Stolk (en niet kapt. Van der Sloot, als gisteren abusief gemeld), (opm: schoener; kapt. C. van der Sloot was vermoedelijk rond 12 maart opgevolgd door kapt. P. van der Stolk), van Rotterdam in ballast naar Hapsal bestemd, is op het eiland Dagoe verongelukt.(opm: het eiland Hiiumaa, Estland, zie ook NRC 020561).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 15 april. Men heeft een klein gedeelte van de lading en het grootste gedeelte van de inventaris gered van het alhier gestrande Nederlandse schip ONCKO EN JOHAN, kapt. Groenenberg, van Newcastle naar Riga (opm: zie NRC 150461).


23 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 april. De zeildag van Zr.Ms. transportschip HELDIN, commandant J.P. Toutenhoofd, naar Oost-Indië is bepaald op 12 mei a.s.
Naar men verzekert, zou het hier liggende oorlogsfregat VICE-ADMIRAAL WASSENAAR de 15e van de volgende maand buiten dienst gesteld en de equipage gedeeltelijk op de DJAMBI en de APELDOORN overgeplaatst worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Sedert de dagbladen de noodlottige mare mededeelden, dat de Nederlandse kof APOLLO’S, op 9 februari j.l. te Redcar in een aldaar geheerst hebbende storm op de klippen is gestrand en het volk verdronken is (opm: zie PGC 160261), niets meer van mijne dierbare echtgenoot J.D.W. Hochland, gezagvoerder op genoemde bodem, vernomen hebbende, moet ik maar al te zeer het droevige bericht voor waarheid aannemen, dat hij met de gehele equipage zijn graf in de golven gevonden heeft. Zwaar valt mij met mijn twee jeugdige kinderen deze slag, doch ik wens in de wil des Heren te berusten.
Scheemda, 23 april 1861                              E. Korte, wed. J.D.W. Hochland


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. Bloembergen Santee te Leeuwarden zal, ten verzoeke van de heer G. Posthuma, notaris te Dokkum, op dinsdag de 30e april 1861, des voor de middag 11 uur, ten huize van Klaas van der Werf te Birdaard, verkopen: een in aanbouw zijnde schuitje, lang over steven ruim 18 ellen (47 voet), wijd 8 ellen (11 voet), eiken planken, krom en ander hout, 7 dommekrachten, 2 vijzels, hellingtouw, 5 hellingkettingen, losse dito, 3 sleephaken, zagen, boren, brandijzers enz, kabinet en hetgeen meer ter verkoop zal worden aangeboden.


24 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 april. Met het stoomschip BORDEAUX, kapt. J.N.R.J. Bijl, zijn heden alhier aangekomen vier Franse vissers, die door genoemde kapitein l.l. vrijdagavond (opm: 19 april), op ongeveer 14 Engelse mijlen van het eiland Ouessant, in een open bootje ontdekt en na veel krachtsinspanning van een wisse dood gered werden. Deze ongelukkigen, welke door een plotseling opgekomen storm waren afgedreven, hadden reeds de gehele dag hun krachten uitgeput om de kust weer te bereiken, totdat eindelijk door het breken van de riemen bijna alle hoop voor hen vervlogen was en zij, geheel afgemat, zonder water of proviand, niets dan de dood voor ogen hadden, toen genoemde kapitein het vaartuigje ontdekte en, niettegenstaande de hoge zee en het stormweer, met grote moeite er in slaagde hen aan boord te krijgen. Na aankomst alhier werd door de rederij onmiddellijk per telegraaf aan de betrekkingen van deze ongelukkigen bericht gegeven van hun redding en zijn zij verder door de Franse consul verzorgd en via Havre teruggezonden. (opm: zie NRC 241161)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 21 april. Het te Muntendam te huis behorende kofschip HEMMO HEYLICO (opm: galjoot HEMMO HIJLECO), kapt. J.R. Waker, van Schiedam naar hier bestemd, is op Runo (opm: Runö, Ruhnu; 57º48’N.B. 23º14’ O.L.) gestrand. De equipage is gered (opm: zie PGC 020561).


25 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Zr.Ms. korvet met stoomvermogen MEDUSA, onder bevel van kapitein-luitenant ter zee J. Vos, komende uit Oost-Indië, is in de avond van de 23e dezer ter rede van Vlissingen aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Volgens een bij het departement van marine ontvangen telegram is Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP, onder bevel van de kapitein-luitenant ter zee F.R. Toewater, laatstelijk uit de Middellandse Zee, in de morgen van de 24e dezer ter rede van Texel aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. R.IJ. Muller, notaris te Groningen, zal op zaterdag 11 mei 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van de Wed. G.F Rasker, op de hoek van het Ameland te Groningen, publiek worden verkocht: een hektjalkschip, genaamd REMMERDINA, groot 88 ton, met opgoed en toebehoren, zoals thans is liggende aan de Groentemarkt in Groningen, laatst bevaren door J.B de Vries. Om te aanvaarden 3 dagen na de toeslag. Inmiddels uit de hand te koop.


26 april 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Schepen te koop, als: een knap glad Tjalkschip, 26 ton; een aanmerkelijk vernieuwd rond-endig Snikschip, 7 ton; een dito met lange roef tot aan de mast (zeer geschikt tot woning), 12 ton; een grote sterke Boot met zeil en treil, 8 ton, bij O.L. Lantinga, scheepmaker te IJlst.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: het snelzeilend Jagt de AREND, met volledige inventaris.
Te bevragen bij P. van der Werf, veerschipper te Kootstertille.


27 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Volgens bericht uit Turin, had men aldaar een rapport ontvangen, gedateerd Tanger 4 maart, behelzende berichten aangaande het Nederlandse stoomschip ANNA PAULOWNA, kapt. P.D.H.B. de Haan, van hier naar de Middellandse Zee, de 16e januari laatstleden tussen Kaap Spartel en Azila gestrand, als vroeger gemeld. Het schip zat nog steeds, ook bij eb, onder water en zou met de nog in hebbende lading verkocht worden (opm: zie o.a. NRC 200161 en 240861). De navolgende goederen waren van de lading geborgen, als: 9.408 Hollandse kazen (rond); 896 dito (plat); 273 kisten dito (rond); 98 pakken tabak; 1.300 pakken vijlen; 288 kalfsvellen; 476 gelakte vellen; 55 zakken crushed suiker; 1 kist kramerijen; 2 kisten paraplu-baleinen; 109 kisten loodwit; 5 kisten curaçao en anisette; 52 kisten traan; 53 zakken koffij; 1 vaatje jenever; 1 grote platte kaas; 6 collies papieren; 1 vaatje vijlen; 1 vaatje drogerijen; 1 vaatje nootmuskaat; 1 vat (waarschijnlijk gepelde gerst); 1 vaatje loodwit; 1 baal koffij (beschadigd); 2 dozijn sloten; 1 vaatje verfstof; 4 kisten (inhoud onbekend); 16 kisten goederen voor de armen in Syrië.


28 april 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 maart. Vrachten. De PRINSES CHARLOTTE werd door de Factorij opgenomen à NLG 85 voor suiker en indigo, te Pecalongan en Samarang te laden voor Rotterdam. ALBRECHT BEIJLING verkreeg NLG 75 voor suiker te Samarang te laden voor Amsterdam. HENRIETTE MARIA laadt te Soerabaija en Probolingo à NLG 70 voor suiker en NLG 60 voor tabak naar Amsterdam. JANNETJE NLG 100 voor arak hier en NLG 75 voor suiker te Soerabaija te laden naar Amsterdam. ALETTA AUGUSTA laadt hier à NLG 70 voor suiker, NLG 65 voor koffij en NLG 80 voor gom elastiek en lichte goederen naar Amsterdam. CHRISTIANA en JANNETTE bekwam NLG 75 en NLG 7 voor suiker, NLG 65 en NLG 62½ voor rijst, NLG 100 voor arak, NLG 85 en NLG 80 voor licht goed hier te laden naar Amsterdam. BURGEMEESTER HOFFMAN NLG 70 voor suiker en NLG 90 voor arak van Cheribon en hier naar Rotterdam. PASSAROEANG bekwam NLG 65 voor suiker van Soerabaja naar Amsterdam. CITO $ 3.300 voor een reis van Soerabaja naar Amoy.
Onbevrachte Nederlandse schepen: ADMIRAAL PIET HEIN, DOGGERSBANK, ADRIANA PETRONELLA, POSTILJON, SOUBURG, PROTEUS, GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST, NIJVERHEID, BILDERDIJK en JASON.
De TWEELING ZUSTERS, ULYSSES, PRINS HENDRIK, GENERAAL MICHIELS en WILLEM HENDRIK maken kustreizen. De MARIE ELISE laadt voor eigen rekening.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 april. Uit een particulier schrijven van kapt. C.A.L. van der Wijck, d.d. Batavia 16 maart, aan zijn reders alhier, ontlenen wij het volgende:
Ik was van plan op maandag de 18e maart naar Tjilatjap te zeilen, doch heden is er bij de Raad van Justitie de beschuldiging tegen mij ingekomen, dat ik ammunitie, geweren kanonnen, enz. zou geladen hebben te Singapore, om te lossen te Yamskee. Het rechte weet ik er nog niet van, daar de justitie mij tot heden buiten de zaak heeft gelaten; maar ik was hedenmorgen aan boord, toen er een boot van de adsistent-resident van politie kwam met een dagvaarding voor zes man mijner equipage, om getuigenis af te leggen in een zaak, die hun nader zou worden voorgelegd. Een ogenblik daarna kwam een tweede boot met twee ambtenaren om het schip te visiteren. Men vond niets wat mij enige onaangenaam- heden zou kunnen bezorgen; enfin, men nam mijn manschappen mede naar de wal, hoewel ik druk bezig was met laden, zodat de geladen prauwen morgen over moeten blijven liggen. Hoe het mogelijk is dat zulk een zaak tegen mij kan ingebracht worden weet ik niet; dit is zeker, men heeft hier een brief ontvangen van Singapore, inhoudende, dat ik voornoemde zaken zou geladen hebben, alsmede een Sultan en 100 Maleijers als passagiers; waar dat alles op uit zal lopen weet ik niet.
Hetgeen kapt. Van der Wijck te Batavia nog niet wist geloven wij wel te weten. De aanklacht legt hem namelijk niets meer en niets minder ten laste van zeeroverij, want onder het opschrift: “Europese rovers in de Chinese Zee” lezen wij het volgende in een te Singapore verschijnend dagblad van de 11e maart:
In de maand oktober vertrok een schip, genaamd BEATRIX, van Singapore, klaarblijkelijk bestemd naar Kongkoot. Het nam een lading wapenen en ammunitie in. Een maand na het vertrek kwam dat schip opnieuw te Singapore, nam des nachts water en provisie aan boord en vertrok des morgens, zonder dat de havenautoriteiten er iets van gewaar werden.
Daar men veronderstelde dat het schip voornemens was zijn lading op de kust van Sumatra te ontschepen, hebben de Nederlanders aldaar er naar uitgezien, maar tot op de huidige ogenblik zijn al de sporen van dit schip verdwenen. Wij hebben echter een zware verdenking dat de BEATRIX kwade praktijken drijft en wel op grond dat de Franse bark SINGAPORE, kapt. Gilland, van Bangkok naar Hongkong, de 28e januari, op 3º N.B. en 129º O.L, in het gezicht van het eiland Lord North gejaagd werd door zes roversboten, ieder bemand met circa 30 koppen, en dat later een bark in het gezicht kwam en op het schip aanhield, welke schijnbaar gemene zaak met de roverspraauwen maakte; ten minste toen er een Engels schip in de nabijheid opdaagde, hield de bark af en wisselde seinen met de boten. Waar – dus vervolgt het blad – is de BEATRIX ? Wij vragen dit aan haar agenten en aan de inladers. Indien het schip, door kapt. Gilland bedoeld, de BEATRIX niet is, waar is het dan en waarvoor gebruikt men het.
In het nummer van 22 maart deelt de redactie van bovengenoemd dagblad echter mede, dat de heren Rautenberg, Schmidt & Co te Singapore haar geïnformeerd hebben, dat de Nederlandse bark BEATRIX door hen bevracht was voor rekening van een Chinees, voor een reis naar Kongpoot, dat het schip de 10e december 1860 te Kongpoot ladende was voor China, dat het van daar naar China vertrok en 10 maart laatstleden van China te Batavia arriveerde.
Door deze opheldering, dus besluit het blad zijn tweede artikel, is onze vraag voldoende beantwoord en het spijt ons dat wij de BEATRIX hebben kunnen verdenken dat zij voor onwettige ondernemingen gebruikt werd.
Er bestaat als nu alle grond te vermoeden, dat schip en scheepsbevelhebber van verdere rechtsvervolging zullen worden ontslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Uit Amsterdam schrijft men aan de Middelburgse Courant:
De machines van het schroefstoomschip 1e kl. DJAMBI zijn heden beproefd en hebben zeer goed voldaan. Zij zijn vervaardigd in de fabriek van de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij te Fijenoord. Gemeld stoomschip zal de 30e dezer naar het Nieuwediep vertrekken, om aldaar getuigd en verder ter in dienststelling gereed te worden gemaakt.
Ook het flottielje vaartuig AMSTEL zal weldra van deze werf naar Hellevoetsluis worden overgebracht om aldaar opgelegd te worden.
In de fabriek van de heren Paul van Vlissingen en Dudok van Heel alhier, bevindt zich de machine (450 paardenkracht) bestemd voor Zr.Ms. stoomschip ADOLF HERTOG VAN NASSAU, geheel gereed en opgesteld en uitmuntend door nette afwerking, terwijl nog twee machines van 250 paardenkracht in aanmaak zijn, insgelijks voor schroefschepen 1e klasse voor de Nederlandse marine bestemd.
Enige tijd geleden is in die werkplaats ook vervaardigd een ijzeren stoomkanonneerboot, voor rekening van het departement van kolonies bestemd voor Oost-Indië, welke in drie verschillende delen ieder in een koopvaardijschip derwaarts verzonden is, welke delen met waterdichte schotten gesloten zijn, en aldaar aan elkander verbonden worden. Gemeld vaartuig heeft zeer weinig diepgang (3 à 4 voet) en is vooral dienstbaar tot het overvoeren van troepen op ondiepe rivieren, terwijl het tevens met een 12 ponder gewapend is.


30 april 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Soerabaija, 8 maart. Het schip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN (opm: fregat, kapt. C.C. de Witt), is alhier met de inventaris voor NLG 21.500 verkocht. (opm: zie JB 190661)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 28 april. Ofschoon de waarheid van ons vorig bericht, omtrent de in werking stelling der stoomboot ZUIDERZEE, onder bestuur van de heer J. Vellinga, door velen betwijfeld, ja, zelfs weder gesproken werd, heeft de uitkomst die toch bevestigd. Gisteren ochtend werden verscheidene schepen door de stevige noordwestenwind verhinderd om uit te lopen. Bij die gelegenheid is de ZUIDERZEE voor het eerst in dienst getreden. Binnen korte tijd waren twaalf grote tjalken, met runderen, uitgesleept, die nu een gunstige wind hadden om de plaats haren bestemming te bereiken. Het zal de schipperij voor anker aangenaam zijn te vernemen, dat tegenwind haar in het vervolg van tijd niet meer kan noodzaken langer in onze haven te vertoeven dan zij nodig oordelen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een hechte Tjalkschuit, groot 21 ton, bij W. Nijdam scheepstimmerman te Bolsward.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee scheepstimmerknechten, hun werk verstaande, kunnen dadelijk vast werk bekomen bij Jan J. Moedt, scheepstimmerbaas te Haskerdijken.


01 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 28 april. De Nederlandse schoener EGMOND, kapt. J. Jansen, in ballast van Londen komende, is bij Lout (opm: Harboøre) gebleven (opm: zie NRC 030561).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 30 april in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
-  Het Nederlands barkschip PRESIDENT VAN BUREN, groot 131 lasten, gebouwd in 1849: verkocht om NLG 7.600.
-  Het Nederlands barkschip JAN VAN BRAKEL, groot 488 ton, gebouwd in 1850: verkocht om NLG 14.600, twee chronometers à NLG 250 en NLG 202, een sextant NLG 41, boeken NLG 15, kaarten NLG 25.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Namens het bestuur van de scheepstimmerwerf de Nijverheid brengt de ondergetekende ter kennis van de deelnemers, dat de rekening over het de 31e maart j.l. geëindigde dienstjaar van heden tot de 1e mei aanstaande, ten zijnen kantore ter visie ligt en dat aldaar na laatst gemelde dag, dagelijks, van des voormiddags 10 tot 12 ure, zal worden uitbetaald de verschenen interest coupon met NLG 5,00 op ieder aandeel.
Schiedam, 20 april 1861                                J.A.J. Nolet


  JB - Javabode

Soerabaija, 22 april. Uit Besoeki meldt men ons, dat het gelukt is de gezonken stoomboot KRATON weder vlot te krijgen. Dit vaartuig ligt thans in de rivier aldaar en is men bezig met een weinig te repareren ten einde het naar Soerabaija te kunnen overbrengen.


02 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 25 april. Van de bij Dagö gestrande en gezonken schoener POMONA, kapt. Stolk (opm: kapt. P. van der Stolk, zie NRC 220461), van Schiedam naar Hapsal, is slechts iets van de inventaris en de zeilen geborgen. De equipage bevindt zich hier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 30 april. Het schip CATHARINA, kapt. Kemper (opm: buitenlander), van Stettin naar Grangemouth, is bij Anholt gestrand en wrak geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij notariële acte, op de 19e april 1861 te Rotterdam gepasseerd, is tussen de ondergetekenden Philippus van Ommeren, cargadoor, expediteur en reder, en Philippus van Ommeren junior, particulier, beiden wonende te Rotterdam, aangegaan een vennootschap, als cargadoors, expediteurs en reders, met al hetgeen daartoe behoort, zijnde een voortzetting van de zaken door de eerst ondergetekende gedreven wordende, onder de firma van Phs. van Ommeren, welke zal zijn gevestigd te Rotterdam en waarvan beide vennoten de tekening zullen hebben, doch alleen voor zaken de vennootschap betreffende en alzo niet tot het opnemen van gelden, het aankopen van of speculeren in publieke fondsen, het tekenen van promessen, het aangaan van borgtochten en dergelijke contracten, als wordende daartoe de privé handtekening van beide vennoten vereist. De vennootschap is aangegaan voor een onbepaalde tijd, aanvang genomen hebbende de 1e mei 1861, om te geduren tot dat een van de vennoten het einde mocht verlangen, en zulks een jaar bevorens schriftelijk zal hebben te kennen gegeven. Wordende deze bekendmaking gedaan ingevolge van artikel 28 van het wetboek van koophandel.
Phs. van Ommeren, Phs. van Ommeren jr


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 mei. Gisteren arriveerde alhier het nieuwgebouwde schoonerschip VREDENLUST (opm: VREDELUST), kapitein J. Scholten, van Veendam, gebouwd op de werf van J. Berg te Sappemeer, en heden het nieuwgebouwde schoonerschip RIEKA (opm: RIKA), kapitein G.D. Puister, groot 167 ton, Gebouwd bij E. van Lingen, beide te Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 28 april. Volgens particulier bericht was het barkschip MAARTEN VAN ROSSEM, kapitein P.F. Rijken op 16 maart te Tagal aangekomen, om te laden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Boldera, 20 april. De te Muntendam thuisbehorende galjoot HEMMO HYLICO, kapitein J.R. Waker, in ballast van Schiedam is eergisteren dicht bij Runo (opm: Runö, Ruhnu; 57º48’ N.B. 23º14’ O.L.) tegen het ijs gevaren en zo sterk beschadigd, dat zij terstond vol water gelopen en gezonken is (opm: zie NRC 240461). De manschap is gered en met het Hollandse schip (opm: galjoot) ENJETTA, kapitein E.H. Boswijk hier aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Konstantinopel, 17 april. Het schip (opm: brik, zie NRC 200461) ANNA MARIA, kapitein H. Siegers, van Ibraila naar Falmouth is op 11 april herwaarts gesleept, om onderzocht te worden, zijnde in aanzeiling geweest met het schip INVICIBLE (opm: vermoedelijk INVINCIBLE), van Odessa naar Engeland en bij de poging om naar boord terug te keren, wegens de hevige storm een eind de Straat ingedreven, doch was het haar later gelukt de wal te bereiken.


03 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 30 maart. Donderdag j.l. (opm: 28 maart) was onze rede weder het toneel van een jammerlijke gebeurtenis. Kapt. Heykema (opm: H.P. Heikema), gezagvoerder van het Nederlandse schip (opm: brik) EMILIE, in een sloep naar boord varende, had de schepeling,die deze sloep wrikte, het ongeluk dat de riem uitgleed, waardoor hij, zijn evenwicht verliezende, in de rivier viel. Terstond werden van alle zijden middelen tot r°edding aangewend, doch deze bleven alle helaas zonder het gewenste gevolg. Men verbeelde zich dus de toestand van de gezagvoerder, die op deze wijze zijn enige zoon een prooi van de golven zag worden. Vol weemoed loofde hij nog een premie uit aan degene die hem het lijk van de 16-jarige drenkeling bezorgen zou. De neger Reinhard, van de plantage Peperpot, een ervaren zwemmer en duiker, begaf zich te water en poogde met de uiterste krachtsinspanning aan deze wens van de droeve vader te voldoen. Zijn moeitevolle pogingen bleven echter onbekroond en hadden nog het treurige resultaat, dat hij als het offer van zijn edele mensenliefde daarbij bezweek en mede zijn dood in de golven vond.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. Aangaande het schip EGMOND, gevoerd geweest door kapt. J. Jansen, van Londen naar de Oostzee – zie NRC van 1 mei – wordt gemeld: dat het de 26e april bij Harboure (opm: Harboøre, 57º37’ N.B. 8º9’ O.L.) gestrand was en weg zou zijn, Het volk was, uitgenomen één matroos, door middel van reddingstoelen (opm: waarschijnlijk wippertoestel) gered en zou men trachten zo veel mogelijk van de inventaris en van de zeilen te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 23 maart. Het te Rotterdam te huis behorende barkschip CANTON, kapt. J. Kettler, van Rotterdam naar Batavia bestemd, is de 9e dezer in de Tafelbaai binnengelopen om een lek te stoppen (opm: zie NRC 030661).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 23 maart. Van het in Simonsbaai met schade binnengelopen Nederlands schip CATHARINA MARIA, kapt. A.T. Schuchard, van Java naar Nederland, zijn 900 zakken koffij beschadigd gelost en publiek verkocht van 57sh 6d tot 60sh.


04 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 mei. Naar aanleiding van Zr.Ms. besluit van de 2e dezer wordt met de 16e mei aanstaande in dienst gesteld de te Willemsoord liggende drijvende batterij NEPTUNUS en het bevel daarover opgedragen aan de kapt.luit.t.zee W.A. de Gelder.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 2 mei. Gisternamiddag is van de werf van scheepstimmerman G. van der Werf bij het Benedenverlaat alhier met goed gevolg te water gelaten de schoonergaljoot GRIETJE, groot plm. 100 last, voor rekening van en bevarende zullen worden door kapitein R.R. Lukkien, van Veendam.


05 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 mei. Volgens schrijven van de Kaapstad d.d. 21 maart l.l. is het schip (opm: bark) CATHARINA MARIA, kapt. A.T. Schuchard, van Banjoewangie naar Rotterdam, in Simonsbaai binnen, afgekeurd (opm: zie ook NRC 040561). In een uitgestane orkaan had die bodem zodanig geleden, dat 13 tussendeksbalken gebroken waren en het schip geheel ontzet was geworden. De onderste laag suiker was weggesmolten en reeds 1.145 balen koffij hadden zwaar beschadigd verkocht moeten worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 30 april. Het Nederlandse schip ONCKO EN JOHAN, kapt. R. Groenenberg, van Newcastle naar Riga, dat 12 dezer op Houlberg (opm: mogelijk Bulbjerg, Jammerbocht) strandde, is verbrijzeld (opm: zie NRC 150461).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 3 mei. In deze omstreken zijn gestrand de navolgende schepen als:
-  Nederlandse tjalk HARMONIE, kapt. H.H. Lever, van Londen met cement naar Dantzig (opm: Gdansk).
-  Nederlandse kof NEELTJE, kapt. D. van der Zee, van Londen in ballast naar Noorwegen.


06 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe Diep, 4 mei. Heden morgen is uit deze haven gezeild Zr.Ms. transportschip HELDIN, kapt.luit.t.zee J.P. Toutenhoofd, ter opvolging van deszelfs bestemming naar Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Laesoe, 27 april. De Nederlandse kof AGATHA HENDRIKA, kapt. Bernardus (opm: AGATHA HENDERIKA, vermoedelijk kapt. H.B. Onnes), van Newcastle met kolen naar Aalborg, is eergisteren nacht alhier gestrand. De bemanning is gered. Het schip is verloren, doch men hoopt de inventaris te bergen.


07 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 5 mei. Zr.Ms. kanonneerboot no. 29, onder bevel van de luitenant ter zee 1e klasse Roodzant, vertrekt morgen van hier naar Rotterdam om aldaar tijdelijk dienst te doen als kostschip. De brik de AREND, thans kostschip te Rotterdam, komt daarna naar huis, ten einde de equipage over te doen gaan op Zr.Ms. brik de LYNX en daarmede weder naar Rotterdam te vertrekken en als kostschip dienst te doen, waarna de kanonneerboot weder naar hier retourneert.
Zr.Ms. schoener ATALANTE, onder bevel van de luitenant ter zee 2e klasse J.A.E. Dinaux, is in de morgen van de 5e dezer van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken, ter opvolging van zijn bestemming naar Curaçao.
Aan de rijks werf te Vlissingen wordt met de meeste spoed aan de gehele voltooiing gearbeid van het koninklijk stoom-fregat ADOLF GRAAF VAN NASSAU, een van de grootste en schoonste stoom-fregatten, die er tot heden op onze marine werven zijn gebouwd. Naar men verneemt zal die bodem op de 13e juni e.k, de geboortedag van Z.K.H. Prins Hendrik der Nederlanden, te water worden gelaten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Friesche en Overijsselsche Stoomboot Rederij.
Het stoomschip BURGEMEESTER ZIJLSTRA vertrekt:
Van Harlingen naar Kampen  zondags, morgens, ten 8 uur.
Van Kampen naar Harlingen  dinsdags, morgens, ten 7 uur.
Van Harlingen naar Zwolle     donderdags, morgens, ten 8 uur.
Van Zwolle naar Harlingen     vrijdags, namiddags, ten 2 uur.
Vracht voor passagiers: 1ste kajuit NLG 4,00; 2de kajuit: NLG 2,50.


08 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 5 mei. Het te Wildervank te huis behorende schip (kof) EENDRAGT, kapt. Kamminga (opm: of G.P. Kammenga), van Calais naar Dantzig, is alhier met verlies van zeilen en boom binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bombay, 7 april. Het schip (opm: fregat) ECLIPSE, kapt. C.J. Doeksen, van Cardiff alhier gearriveerd, is lek en moet lossen om te repareren.


  JB - Javabode

De 18e april is van Grissee naar Padang vertrokken het Nederlands-Indische schip FATH MOH, thans hernaamd INDIA, kapt. Sech Bafadal.


  JB - Javabode

De 22e maart zijn (opm: in Nederland) bevracht door de Nederlandsche Handel-Maatschappij 25 schepen tot de vracht van NLG 110 per last zonder meer, met de gewone bepalingen.


  JB - Javabode

Het schip (opm: bark) ELISABETH, kapt. W.C. Veenstra, gebouwd in 1848, groot 323 lasten, de 19e maart te Rotterdam in veiling verkocht voor NLG 34.800, is gekocht door de rederij J.K.R. Kröner (opm: H. & T. Kröner) te Rotterdam. Het behoudt dezelfde naam en zal gevoerd worden door kapt. J. Snoek.


09 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ystad, 2 mei. Het schip HENRICA ELLIDA, kapt. Kuijper (opm: kof HINDERIKA ELLIDA, kapt. E.J. Kuiper), van Newcastle naar St. Petersburg, heeft bij Ostra Trop aan de grond gezeten en was dientengevolge genoodzaakt alhier binnen te lopen om enige reparaties te bewerkstelligen, doch zal binnen een paar dagen gereed zijn de reis te hervatten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 april. De Nederlandse bark IDA WILHELMINA, kapt. B.P. van Weijland, van Java naar Dordt, welke alhier in averij is binnen geweest, heeft tot dekking van de reparatiekosten een bodempartij (opm: bodemarij) van $ 10.500 (opm: PGC 110561 schrijft NLG 10.500) genomen, à 9,35%; betaalbaar 20 dagen na arrivement te Dordrecht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Gedagvaard: Jan Jacobs Mulder, schipper, wonende te Veendam, doch thans afwezig, om op woensdag 4 september 1861, des morgens te 10 uur te verschijnen voor de arrondissementsrechtbank te Winschoten, in deszelfs gewoon locaal van terechtzittingen, in het gebouw van justitie aldaar. Ten einde alsdan:
Aangezien, eiseresse echtgenoot in de maand februari 1856 zijn woonplaats Veendam heeft verlaten en op 18 augustus 1856 met deszelfs schip IDA (opm: schoener, zie NRC 101256) is vertrokken van het Vlie, bestemd naar Petersburg, zonder volmacht te hebben achtergelaten of order voor het beheer zijner goederen te hebben gesteld; Aangezien van gedaagde geen bericht bij eiseres is ingekomen, zodat het haar onbekend is of genoemde gedaagde nog in leven is, dan of hij is overleden.
Aangezien het echter bijna zeker is, dat de gedaagde met schip en manschap in de golven is omgekomen, dewijl nooit enig bericht van schip of manschap is ingekomen.
Aangezien de eiseres er belang bij heeft dat verklaard wordt, dat er rechtsvermoeden bestaat dat genoemde gedaagde is overleden, als zijnde in gemeenschap van goederen met hare echtgenoot gehuwd.
Aangezien eiseres verlof heeft gevraagd en bekomen bij bovengemelde dispositie, om genoemde hare eheman bij openbare dagvaardiging op te roepen, teneinde te bekomen een zodanige verklaring van vermoedelijk overlijden van gedaagde.
Te verschijnen, het zij in persoon of door iemand voor hem, teneinde van zijn aanwezen te doen blijken, bij gebreke waarvan door de eiseres zal worden gevraagd, acte van zijn niet verschijning en verlof tot het oproepen van de gedaagde bij een tweede openbare dagvaarding;
En heb ik, deurwaarder, dit exploit gedaan door aanplakking aan de voorname deur van het gebouw van justitie te Winschoten, alsmede aan het gemeentehuis te Veendam, terwijl ik een handschrift van dit exploit heb gelaten aan de heer officier van justitie, ambtenaar van het openbaar ministerie bij de arondissementsrechtbank te Winschoten, sprekende met de Z.E.A. op het parket in persoon, die het oorspronkelijke met gezien heeft getekend, zullende een afschrift van dit exploit worden geplaatst in de Nederlandsche Staatscourant, alsmede in de Provinciale Groninger Courant, te dien einde aangewezen.
J.F. Warnders, deurwaarder.
Verder staat; gezien en afschrift ontvangen door mij officier van justitie bij de arondissementsrechtbank te Winschoten, op heden de eerste mei 1861.
Scheidius, subst.
Onder staat, geregistreerd te Zuidbroek, de tweede mei 1861, deel 19 recto vak 2, 1 blad met 2 renvooijen, ontvangen voor recht NLG 0,80, voor 38 opcenten NLG 0,30½, te zamen een gulden tien en halve cent.
De ontvanger; Van Sonsbeek.
Voor afschrift conform.                      M. van der Tuuk, procureur


10 mei 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een schip, groot 10 ton, ronde luiken en beste inventaris.
Te bevragen bij J. Boorsma te Sneek.


11 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Volgens de Middelburgsche Courant wordt de DJAMBI uitgerust om een tocht naar de West-Indische eilanden te ondernemen en vervolgens de Nederlandse vlag te gaan vertonen in de Amerikaanse wateren met het oog op de tussen de Noordelijke en Zuidelijke staten der Unie uitgebarsten burgeroorlog, waarbij wellicht Nederlandse belangen op het spel kunnen staan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Als een bijzonderheid kunnen wij mededelen, dat de schroefstoomboot de ZAAN, kapt. De Veer, te Dordrecht een volle lading koolzaad inneemt om die binnendoor naar Parijs over te voeren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 10 mei. L.l. woensdag arriveerde hier het nieuwgebouwde galjootschip (opm: brik) MARIA SINNIGE, kapitein G.J. Timmer, groot 168 ton, gebouwd bij L.T. Holthuis, beide te Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 8 mei. Volgens brief van kapitein F.H. Reuvekamp Gille, voerende het schip CELEBES, van hier naar Sourabaya, in dato 20 maart, bevond hij zich toen in goede staat zeilend op 1º0’ N.B. 22º3’ W.L; aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Stoomvaart van Harlingen naar Hull, mede voor goederen naar Newcastle, Leith, Leeds, Manchester en omliggende plaatsen.
De eerste klasse Nederlandse stoomschepen, MEDEA, ELVE en SEINE, vertrekken beurtelings van Harlingen naar Hull, iedere zaterdag.
Adres in Harlingen, bij de agent J. Fockens.


12 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 mei. Naar wij vernemen zal Zr.Ms. stoomschip SINDORO, liggende te Hellevoetsluis, met spoed gereed worden gemaakt om de te Port-Mahon achtergebleven 70 oogzieken van Zr.Ms. fregat EVERTSEN naar het Nieuwe Diep over te brengen om aldaar in het Marine-hospitaal ter verdere verpleging te worden opgenomen.
Zr.Ms. korvet met stoomvermogen MEDUSA, onder bevel van de kapt.luit.t.zee J. Vos, thans liggende te Vlissingen en onlangs van Oost-Indië teruggekomen, zal met de 15e dezer buiten dienst gesteld worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 mei. Het schip EGMOND, kapt. Jansen, van Londen naar de Oostzee, bij Harboure (opm: Harboøre) gestrand (opm: zie NRC 010561), is geheel wrak, doch het grootste gedeelte van de inventaris geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.S. Oolgaardt, makelaar, zal op maandag de 27e mei 1861, des avonds ten zes ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris Joans. Oolgaardt, presenteren te verkopen: het extraordinair welbezeild, in anno 1860 nieuw gekoperd en kopervast barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd SOOLO, gevoerd door kapt. P.C. van der Meulen. Volgens Nederlandse meetbrief lang 38 ellen, wijd 6 ellen 88 duimen, hol 5 ellen 68 duimen, en alzo gemeten op 660 tonnen of 349 lasten. Liggende aan de werf Koning William, op de Kadijk. Breder bij inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaar of bij de heren De Groot, Roelants & Co, te Schiedam en de cargadoors Oolgaardt & Bruinier te Amsterdam.


13 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 9 mei. Het schip LÉOPOLD CATEAUX, kapt. Meijer (opm: buitenlander), van Akyab naar Antwerpen, is alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Konstantinopel, 1 mei. Volgens bericht uit de Dardanellen d.d. 28 april had het aldaar in averij binnengelopen Nederlandse schoenerschip (opm: brik, zie NRC 200461) ANNA MARIA, kapt. H. Siegers, van Ibraïl naar Falmouth, het grootste gedeelte van de lading gerst gelost. Men was toen bezig de rest van achteren naar voren in het schip te schieten, om de achtersteven meer uit het water te krijgen, ten einde het gebroken ijzerwerk van het roer te vernieuwen.


14 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 mei. Het schip (opm: bark) JAN HENDRIK, kapt. J. Lelyvelt, was de 27e maart te Hongkong gereed om via Macao naar Batavia te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 april. Vrachten. Nederlandse schip NIJVERHEID, 670 ton NLG 90 per last voor arak hier, NLG 60 voor rijst te Indramajoe en NLG 70 voor suiker te Cheribon naar Rotterdam. Nederlands ADMIRAAL PIET HEIN, 671 ton laadt te Soerabaja tabak à NLG 60 en suiker à NLG 70 naar Amsterdam. Nederlands JOHANNES LODEWIJK, 755 ton NLG 67,50 à NLG 70 voor suiker, NLG 60 voor tabak en NLG 30 voor tin naar Rotterdam. Nederlands DOGGERSBANK, 695 ton, NLG 65 voor suiker, NLG 60 voor tabak, NLG 35 voor tin en NLG 50 voor oud geschut naar Rotterdam. Nederlands SOUBURG, 690 ton, opgenomen à NLG 22 per koyang voor een lading zout van Sumanap naar Tjilatjap. Nederlands PROTEUS, 343 ton te Soerabaja bevracht à NLG 65 voor suiker en NLG 60 voor tabak naar Nederland. Nederlands PASSAROEANG, te Soerabaja bevracht à NLG 65 voor suiker naar Amsterdam. POSTILJON, 347 ton, $ 3.400 in eens naar Amoy.
Onbevrachte schepen: Nederlands WILHELMINA LUCIA, VREDE, TRIJNTJE FENNA, BILDERDIJK, ADRIANAN PETRONELLA, ALCYONE, BATAVIER, JASON, NEDERLAND EN ORANJE, JOHANNES H. FERDINAND en GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST.
De Nederlandse schepen GENERAAL MICHIELS, ZWALUW, ULYSSES, PRINS HENDRIK, SOUBURG, WILLEM HENDRIK en TWEELING ZUSTERS maken kustreizen.
Het Nederlandse schip AMERICA, van Banjoewangie naar Nederland bestemd met een volle lading van de Nederlandsche Handel-Maatschappij is alhier teruggekeerd in averij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 april. Het op 23 januari l.l. van Banjoewangie met een volle lading van de Nederlandsche Handel-Maatschappij naar Rotterdam vertrokken Nederlands brikschip AMERIKA, kapt. J.F. Meermans, is hier 18 maart met zware schade aan romp en tuigage uit zee geretourneerd, hebbende een hevige orkaan doorgestaan. De lading is gelost en het schip zal in het dok halen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 april. De schepen BILDERDIJK (opm: fregat), kapt. M. Löschen, van Amsterdam, en ALBLASSERDAM (opm: bark), kapt. J. 't Hoen, van Singapore alhier aangekomen, moeten dokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 13 mei. Laatstleden zaterdag arriveerden alhier de nieuwgebouwde galjootschepen WIEBE JACOBS, kapitein J.W. Visser, van Schiermonnikoog, gebouwd bij I.A Hooites te Hoogezand en de MATHILDA GEERTRUIDA opm: MAGTHILDA GEERTRUIDA), kapitein J.M. Wiebes, van Schiermonnikoog, groot 100 last, gebouwd bij J.U. van der Werff te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie: Ten overstaan van de notaris Mr. J.H Geertsema, zal op donderdag 23 mei 1861 ten huize van kastelein Struve, aan de Groote Markt te Groningen, publiek worden verkocht: het schoonerbrikschip UDONIA, groot 174 ton, met complete inventaris, in 1858 nieuw te water gebracht, gevoerd wordende door kapitein R.H. Dinkla, thans liggende in Bremerhaven.


15 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam zullen op last van hun meester op dinsdag de 4e juni 1861 des middags ten 12 ure, in de Zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, no. 499, publiek verkopen het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip IJSSEL, laatst gevoerd door kapt. C. Maarschalk, volgens meetbrief lang 35 el 90 duim, wijd 6 el 60 duim, hol 5 el 21 duim, en alzo groot 301 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, geschut en verdere scheepsgereedschappen, zoals het thans is liggende te Amsterdam, aan de scheepstimmerwerf De Haan, van de heer J. Boele J.Rzoon. Nog zullen afzonderlijk worden verkocht: 1 chronometer van Parkinson & Frodsham, 1 dito van A. Howhu, beide te bezichtigen bij de heer A. Howhu te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 31 maart. Het alhier van Cardiff gearriveerde Nederlandse schip (opm: bark) PRINS VELDMAARSCHALK, kapt. D.L. Immink, heeft op de reis veel slecht weder ondervonden.


16 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Krachtens Zr.Ms. besluit van de 14e dezer no. 65 wordt het te Willemsoord liggende schroefstoomschip 1e klasse DJAMBI met de 1e juni a.s. in dienst gesteld met een buitenlandse bestemming en het bevel daarover opgedragen aan de kapt.luit.t.zee M.H. Jansen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bushire, 8 maart. Het schip WILHELMINA EN ELISE, kapt. M. Priebee, van Banjoewangie alhier gearriveerd, heeft op de reis veel slecht weder doorgestaan, en een voormarszeil en een kluiver verloren. Overigens is alles wel aan boord. De kapitein denkt in het laatst van april via Bombay naar Mauritius of Batavia te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars H. Vriesendorp, J.P.M. Boonen, E. Mauritz, A.C. van Wageningen Jr, P.J. de Kanter, J.H. Boonen, D. de Jongh Wzn, J. Vriesendorp, B. de Witt en J. de Voogd Jz. Jr, zullen op last van hun meester op vrijdag de 24e mei 1861, des namiddags ten een ure, in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn te Dordrecht over het Marktplein publiek verkopen: het snelzeilend nieuwgekoperd en kopervast Nederlands barkschip JAN SCHOUTEN, laatst gevoerd door kapt. J. Coening Meijer, volgens meetbrief lang 39 el 80 duim, wijd 7 el 22 duim, hol 5 el 57 duim, en alzo groot 711 tonnen; met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen, enz. zoals hetzelve thans is liggende in de Kalkhaven te Dordrecht, alwaar het schip enz. is te bezichtigen van de 21e mei tot op de dag van de verkoop, van des morgens 9 ure tot des namiddags 5 ure.
Nog zal afzonderlijk worden verkocht: een chronometer no. 2498, van Charles Fiodsham.
Nadere informaties zijn te bekomen bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoor Gerard Mauritz.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 15 mei. Het kortelings door enige Embders te Delfzijl aangekochte Spaanse schip ANGELITA, zal voortaan de naam STADT EMDEN dragen. (opm: de heren Kappelhoff & Reemtsma betaalden NLG 11.750; reeds op 1 december 1861 strandde de bark op Oesel en ging verloren)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip STAD APPINGEDAM, kapitein G.S. Prange, zou volgens bericht van Santos van 4 april van daar in ballast naar Maroim verzeilen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Plymouth, 10 mei. Het kofschip (opm: galjoot, zie NRC 270361) BOUGINA LAMMECHIENA, kapitein R.J. Veenhuizen, van Requejada naar Liverpool, 24 maart met schade alhier binnengelopen, heeft de lading gelost en is na volbrachte reparatie hedenmorgen in ballast naar Liverpool vertrokken.


17 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 27 schepen:
Voor Rotterdam: ZWERVER, kapt. B.T. Franzen; HENDRIK IDO AMBACHT, kapt. L. Bijl; JOSEPHA LOUISA, kapt. A. Muyson; GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST, kapt. C.E. Hoeksma; HENDRIKA, kapt. W. van Aalborg; ANTONIA PETRONELLA, kapt. A. Voorendijk; NIEUW LEKKERLAND, kapt. M.B. Hoffmann.
Voor Amsterdam: TELEGRAPH, kapt. P.B. Rolufs; THEODORA MACHTELDA, kapt. D. Boelhouwer; PROVINCIE DRENTHE, P. Hoekstra; JACOBA CORNELIA CLASINA, kapt. A.J. Decliseur; BELLATRIX, kapt. A.P. Sandberg; WILHELMINA EN ELISA, kapt. M. Priebee; RIJNBRAND, kapt. P.F. Lange; NICOLAAS WITSEN, kapt. N.N; QUATRE-BRAS, kapt. H. Nieuwenhuys; DEN ELSHOUT, kapt. E. Akkerman; DOGGERSBANK, kapt. P.J. Kerkhoven; PIETER SCHOENMAKERS, kapt. J.J. van Varelen; SCHEVENINGEN, kapt. N.N (opm: mogelijk S. van de Velde); COPERNICUS, kapt. L. Visser, de laatste drie van Rotterdam; BONI, kapt. J.W. Möller van Dordt.
Voor Middelburg: CATHARINA MARIA, kapt. T.R. Oomkens; GRONDWET, kapt. T.C. Kamminga.
Voor Schiedam: H. VINCENTIUS VAN PAULO, kapt. T.J. Vassen; JEANETTE EN CORNELIA, kapt. J. Verhoeven; JAN VAN HOORN, kapt. C.M. Borghorst, beide laatsten van Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wij ontlenen het volgende aan de Curaçaosche Courant van 6 april l.l:
Verleden maandag de 1e dezer, is de Nederlandse schoener GENERAAL PIAR, kapt. Gerrit, die op zijn terugreis van Rio Hacha naar deze haven door de Venezolaanse oorlogsschoener CARABOBO aangehouden en te Maracaibo is opgebracht, alhier aangekomen. Betreffende het gebeurde met deze schoener zijn ons de volgende bijzonderheden meegedeeld:
De GENERAAL PIAR vertrok de 11e maart j.l. van Rio Hacha met bestemming naar deze haven. Op de 18e daaraanvolgende, op een afstand van 35 mijlen van Macolla, terwijl het overstag ging, zag men een Venezolaans oorlogsvaartuig op hen aanhouden; hierop liet de schipper de vlag hijsen, ten einde de schoener als Nederlands vaartuig te doen kennen. Niettegenstaande de commandant van de Venezolaanse oorlogschoener dus kon weten, dat de GENERAAL PIAR een Nederlands vaartuig was, zeilende in een vaarwater eerder tot het eiland Aruba dan tot Venezuela behorende, liet hij eerst een los schot en weinig ogenblikken daarna twee schoten met scherp geladen, op de GENERAAL PIAR lossen, zodat de kogels over het dek van deze schoener vlogen. Op deze vijandelijke aanval liet de schipper de zeilen neerhalen, waarna de schoener aangehouden en de schipper genoodzaakt werd zijn boot te water te laten en zich met twee matrozen aan boord van de Venezolaanse oorlogsschoener te begeven, alwaar hij zijn scheepspapieren, die allen in de beste orde waren, vertoonde en een lang verhoor van de commandant moest ondergaan, waarna deze hem wilde noodzaken zijn zeebrief af te geven, hetgeen echter door hem geweigerd werd. De beide matrozen werden aan boord van de oorlogsschoener gehouden en de schipper werd onder geleide van een detachement gewapende manschappen aan boord van de GENERAAL PIAR teruggebracht. Tegen de uitdrukkelijke wil van de schipper werden vervolgens de supercargo en de passagiers in de boot van de GENERAAL PIAR onder gewapende geleide aan boord van de oorlogsschoener overgebracht, waar zij als gevangenen, buiten alle gemeenschap, in het ruim geworpen werden en een schildwacht aan de ingang geplaatst, terwijl hun gedurende de gehele dag een zeer slecht maal verstrekt werd. Intussen had de GENERAAL PIAR, waarop een gewapend detachement geplaatst was, nog steeds de Nederlandse vlag waaiende en bevond zich ten noorden van het eiland Aruba, toen de commandant van de gewapende macht aan boord de schipper wilde dwingen die vlag neer te halen, hetgeen echter door hem volstandig geweigerd werd; de genoemde commandant liet toen door een van zijn soldaten de Nederlandse vlag neerhalen.
De 19e daaraanvolgende werd de GENERAAL PIAR, op last van de commandant van de Venezolaanse oorlogsschoener, door de gewapende bezetting aan boord, aan de kust van Paraguana geankerd en vervolgens nadat de evengenoemde commandant een dépêche naar de stad Coro had gezonden, te Maracaibo opgebracht, waar hij ten 5 ure 's middags van de 20e ten anker kwam. Het vaartuig ten anker zijnde, werd allernauwkeurigst onderzocht, doch er zijn geen wapens of ammunitie hoegenaamd aan boord van hetzelve gevonden, behalve drie oude geweren, die met vergunning van het bestuur van deze kolonie aan boord gevoerd werden. De supercargo en passagiers werden dezelfde dag te Maracaibo in de gevangenis geworpen, waar hun zelfs geen voedsel verstrekt werd.
Des morgens van de 21e werd de schipper met een militair detachement van boord gehaald en naar het provinciaal gouvernementshuis gebracht, waar hij nogmaals verhoord is geworden. Des avonds van die dag werden de scheepskok en twee scheepsjongens op last van de commandant van de oorlogsschoener van boord gehaald en de volgende dag teruggezonden.
Op grond van dit alles heeft de schipper bij de Nederlandse vice-consul te Maracaibo protest aangetekend, zich daarbij voorbehoudende hetzelve te laten extenderen. De Nederlandse vice-consul heeft hem te kennen gegeven dat ten gevolge van het gebeurde met de GENERAAL PIAR het gouvernement van Maracaibo genegen en bereid was een som te betalen, welke billijk zou gevonden worden ter vergoeding van de geleden schade en nadelen, en ook om eenentwintig saluutschoten te doen ter voldoening van de schending van de vlag. De schipper heeft toen aan de heer vice-consul zijn voornemen te kennen gegeven om het vaartuig te abandonneren voor rekening van wie het moge aangaan; hierop heeft deze hem ten antwoord gegeven dat indien hij, schipper, als bevelvoerder de meergenoemde schoener GENERAAL PIAR niet wilde hernemen en de passagiers van dezelve terug aan boord ontvangen, hij consul zich niet verder met de zaak zou bemoeien en dat de schipper alsdan alle recht op de schoener zou verliezen. Om deze reden heeft de schipper zich weer met het bevel over de schoener belast ten einde het naar zijn bestemming over te brengen, tot welk einde hij de vereiste verklaring van de bevoegde autoriteiten heeft verkregen. De gouverneur van de provincie Maracaibo zou in tegenwoordigheid van de schipper gezegd hebben, dat de commandant van de oorlogsschoener de GENERAAL PIAR in de grond had moeten schieten en alleen de bemanning redden. 's Avonds vóór het vertrek van de oorlogsschoener CARABOBO van Maracaibo kwam deszelfs commandant aan boord van de GENERAAL PIAR en gaf in het openbaar te kennen, dat het hem bekend was dat de GENERAAL PIAR behoorlijk uitgeklaard zou vertrekken, maar dat hij hem op dezelfde plaats, waar hij hem genomen had, zou afwachten, daarbij verscheidene bedreigingen voegende.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lossiemouth, 13 mei. Het alhier van Koningsbergen gearriveerde Nederlandse schip (opm: kof) AALTJE BRONGERS, kapt. A.F. Kuperus, heeft op de reis veel slecht weder ondervonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 10 mei. Het alhier van Rotterdam gearriveerde schip (opm: bark) ADMIRAAL METLIN, kapt. G. van der Velde, is lek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een half veerschip, varende van Leeuwarden op Heerenveen vice versa. Te bevragen bij de schipper A.H. van der Zee te Leeuwarden.


18 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Aan de laatstgemelde bevrachting is nog door de Nederlandsche Handel-Maatschappij toegevoegd voor Amsterdam de (opm: bark) ESTAFETTE, kapt C.J. Oepkes.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Gisteren morgen is te Nieuwe Diep de drijvende batterij NEPTUNUS in dienst gesteld. Zij zal binnen weinige dagen naar de Horst worden gesleept.


  JB - Javabode

Soerabaija, 3 mei. Wij vernemen, dat de stoomboot PRINS VAN ORANJE, behorende aan de heren Major, Matzen & Co, is gekocht door de firma W. Cores de Vries.


  JB - Javabode

De 9e mei j.l. is van Soerabaija naar Batavia vertrokken de bark JAN PIETERSZOON KOEN, kapt. A. Kuipers, thans hernaamd JOSEPHINE.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 17 mei. Gisteren arriveerde hierhet nieuw gebouwde galjootschip WIEBERDINA (opm: WIEBERGIENA MARTENS), kapitein J. Balk, van Groningen, groot 75 last, gebouwd bij J. Berg te Sappemeer en heden het nieuw gebouwde schoonerbrikschip JEANNETTE ROULINE (opm: schoener JEANETTE ROULINE), kapitein R.IJ. Hoeksema, van Groningen, groot 115 last, gebouwd bij M. Kroeze te Hoogezand.


20 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Volgens brief van kapt. Möls, voor wijlen kapt. Kuyper (opm: G. Kuijper Hzn), voerende het schip (opm: brik) COMPAGNIE, zou hij de 8e april van Kaap Coast Castle herwaarts vertrekken; alles wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 16 mei. Kapt. K.H. Wagenaar, voerende de schoener WILHELMINA GIEZEN, heeft geen zee kunnen kiezen, daar hij gisteren ontdekte dat hij lek schip had, zijnde waarschijnlijk een of meer boutgaten opengebleven. Hij zal van hier naar de Zoutkamp opzeilen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 17 mei. Het Admiraliteitshof alhier heeft gisteren een door enige passagiers aan boord van het Nederlandse barkschip VREDE, kapt. J.L. ter Bruggen, ingestelde eis tot het bekomen van een beloning voor diensten welke zij beweren bewezen te hebben, door aan de pompen werkzaam te zijn tijdens genoemd schip schade had bekomen bij een aanzeiling met de VICTOR, op de hoogte van Zuid-Voorland (opm: South Foreland, zie NRC 301159) in november 1859, van de hand gewezen en vooral op grond dat er geen gevaar was dat het schip zoude zinken en in aanmerking nemende dat zelfs wanneer gevaar aanwezig is, een passagier geen aanspraak op beloning kan maken, wanneer hij behulpzaam is om zijn eigen leven en dat van anderen te redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 17 mei. De Nederlandse tjalk RENSINA, kapt. J.R. Kramer, van Harlingen naar Aarhus en de Deense ever CATHARINA, kapt. Heinsohn, van Amsterdam met stukgoed naar Stettin, zijn alhier binnengelopen. Laatstgenoemd schip is zwaar lek en heeft het roer verloren, hebbende op het Geelzand hevig gestoten.


21 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 mei. Het Belgische barkschip MARIA THERESIA, kapt. Hornez, van Santos naar Hamburg, is met schade te Fernambuck binnengelopen en zou denkelijk afgekeurd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Glückstadt, 17 mei. De kof ELSCHLEA, kapt. Albers (opm: buitenlander), van Amsterdam naar Flensburg, is hier zwaar lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne (Bornholm), 18 mei. Het schip JOHANNA, kapt. Schut (opm: buitenlander), van Dantzig (opm: Gdansk) naar Engeland, is gezonken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 18 mei. Hedennamiddag werd van de werf van de heer K. Bakker met goed gevolg te water gelaten het schoonerschip, genaamd THERESIA, groot plm. 145 ton, zullende worden bevaren door kapitein J. Wekenborg Jzn van Sappemeer.


22 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Zr.Ms. stoomschip VESUVIUS, commandant luit.t.zee 1e klasse J.O.H. Arntzenius, wordt eerst daags van West-Indië te Hellevoetsluis binnen verwacht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 18 mei. De Nederlandse brik BENGALEN, kapt. F.H. Planten, van Akyab naar Rotterdam, is hier wegens ziekte van de equipage binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Boston, 18 mei. Een Nederlandse kof, naar men veronderstelt de BOUCHINA, kapt. H.H. Koster, van Spalding naar Colberg, ligt in Clayhole ten anker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 18 mei. Het Nederlandse schip (opm: bark) GEERDINA, kapt. P.P. Mooi, van Dantzig op hier bestemd, is gisterenavond alhier voor de baai gearriveerd, doch zal eerst dinsdag met springtij binnen kunnen komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 19 mei. Het schip LOUISE, kapt. Hansen (opm: buitenlander, zie ook NRC 230561), van Skive met benen (opm: mogelijk beenderen) naar Engeland, is gisteren bij Rösstrand gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 14 mei. Het Nederlandse schip   CATHARINA HENDRIKA, kapt. Faber, 11 dezer van Hull alhier gearriveerd, heeft de bezaansmast verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carlscrona, 19 mei. Het schip MARGARETHA, kapt. Janssen (opm: schoener MAGRITHA, kapt. H.G. Jansen), van Gefle naar Hull, is bij Klippard gestrand. (opm: Klippard niet gevonden, maar het schip bleef in de vaart)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ibrail, 18 mei. Volgens berichten van Sulina is alhier een Nederlands en een Grieks vaartuig gebleven. Men veronderstelt dat het eerste de ROELFINA is, die van Londen aldaar arriveerde (opm: zie NRC 240561).


  JB - Javabode

De 25e maart l.l. zijn te Amsterdam geveild de onderstaande schepen en scheepsparten:
-  PROFESSOR SURINGAR (opm: brik), kapt. G.H. Sneltjes, gebouwd in 1857, groot 149 lasten, opgehouden voor NLG 25.000.
-  1/30e Part van het schip RIJNBRANDA, kapt. Lange (opm: bark RIJNBRAND, kapt. P.F. Lange), gebouwd in 1857, groot 171 lasten, opgehouden voor NLG 1.140.
-  1/64e Part van het schip (opm: bark) NICOLAAS WITSEN, kapt. N.N, gebouwd in 1858, groot 342 lasten, verkocht voor NLG 1.110.


23 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoutkamp, 20 mei. Het schip (opm: schoener) WILHELMINA GIEZEN, kapt. K.H. Wagenaar, van hier naar Groningen opgezeild om wegens lekkage schip en lading na te zien, moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 21 mei. De LOUISE, kapt. Hansen, van Skive naar Engeland, is op Ron gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ligt in lading naar Batavia, Samarang en Soerabaija, voor goederen en passagiers, waartoe hetzelve bij uitstek is ingericht: het nieuw, bijzonder op de zeilage gebouwd en gekoperd Nederlands fregatschip ANTHONY VAN HOBOKEN, kapt. H.P. Hazewinkel.
Adres ten kantore van Kuyper, van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuyzen alhier, en G.W. van Barneveld Kooy te Amsterdam. (opm: eerste reis)


24 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden stukken. Onder de laatste ons uit Indië geworden telegrafische berichten is ook de aankomst van de HAARLEMMERMEER opgenomen.
Verdere berichten van dat schip zag ik niet en daarom zal u misschien onderstaande mededeling, uit een particulier schrijven getrokken, niet geheel onbelangrijk voorkomen.
De datum van aankomst ter rede van Batavia, was de namiddag van 24 maart.
Op 10 november l.l. vertrok de HAARLEMMERMEER, commandant Koning, te gelijk met het stoomschip 3e kl. RETEH, commandant Jhr. de Kock van de rede van Texel; hield zich 3 dagen (van 25 tot 28 november) te Santa Cruz op, 6 dagen (van 25 tot 31 januari) aan de Kaap de Goede Hoop.
De reis, zo schrijft men, was dus, vooral met het oog op de hoedanigheden van de
HAARLEMMERMEER, een stoomflotille vaartuig, met nog 9 dergelijke vaartuigen oorspronkelijk gebouwd en ingericht voor binnenlandse dienst, niet voor lange zeereizen bestemd, niet onvoorspoedig.
Bij de proeftocht reeds voldeed het schip slecht. Ook op reis, wanneer er wat veel zee stond, werkte het zwaar en moeilijk, nam veel water over en stuurde moeilijk. Indien in het zuiden der Indische Zee, het slechte weer, dat daar gewoonlijk heerst, geheerst had, dan betwijfel ik zeer of de HAARLEMMERMEER ooit Indië zou hebben bereikt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ibraïl, 21 mei. Het bij Sulina verongelukte Nederlandse schip – zie NRC van 22 mei – is gebleken te zijn de Nederlandse schoener ROELFINA, kapt. J.A. Hazewinkel, van Londen komende. De lading is gered. Een gedeelte daarvan is door de gezagvoerder afgestaan voor bergloon, het overige is naar Sulina gebracht. (opm: zie NRC 060661)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. de Haan Sz, deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdag de 30e mei aanstaande, namiddags te 6 ure, ten huize van Rinse Jans Brouwer, in het Schippershuis aldaar, overgaan tot de provisionele veiling:
-  Ten eersten: van een overdekt gewegerd extra zwaar betimmerd Kofscheepje, groot elf tonnen, bijzonder geschikt voor marktreizigers, appel en mattenhandel enz, met ijzeren mastgewicht, zeil en nieuw zeilkleed en overigens complete inventaris.
-  Ten tweeden: van een overdekt gewegerd Tjalkscheepje, groot vijf en twintig tonnen, met zeil, zeilkleed, fok en verder toe en aanbehoren. Des daags van de verkoop te bezichtigen bij gemeld Schippershuis.
-  Ten derden: van een overdekt Kofscheepje, groot veertien tonnen, met zeil en zeilkleed, mast, touwen en blokken en verder toe en aanbehoren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een of twee halve Veren, varende van Leeuwarden op Harlingen vice-versa, met inbegrip van paarden en schepen etc.
Informatie bij M. de Vries, boekdrukker, Klein Schavenek te Leeuwarden.


25 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Volgens een alhier ontvangen bericht had het schip DILIGENTIA, kapt. Ruijl, beladen te Riga, een gedeelte der lading in een lichter overgebracht, omdat het door te grote diepgang de haven niet kon verlaten; en was die lichter bij het aan boord brengen der lading door storm gestrand en gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 mei. Volgens brief van kapt. S. Berkelbach van den Sprenckel, voerende het schip DIONYSIA CATHARINA, van Batavia in Texel binnen, in dato 23 mei, had hij op de rede van St. Helena, wegens aandrijving, belangrijke schade aan tuigage bekomen en een anker en ketting verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op vrijdag 24 mei in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn te Dordrecht: het barkschip JAN SCHOUTEN, groot 711 tonnen, verkocht voor NLG 54.000. Kopers de heren J.R. Veder & Zn, te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Het alhier te huis behorende barkschip ZWERVER, kapt. B.T. Franzen, onder de Boompjes liggende en bezig zijnde om stenen voor Samarang over te nemen, is heden morgen op zijde geslagen. Naar men veronderstelt, moet het ongeluk ontstaan zijn doordien het schip aan de grond gevallen was. Het schip is naar buiten overgevallen en ligt geheel plat op zijde.
Mensenlevens heeft men bij het ongeval zelf niet te betreuren, doch dit is ook alleen aan een gelukkig toeval te danken, want op het ogenblik, dat het gebeurde bevonden er zich, behalve de equipage een twintigtal stenenzetsters aan boord. Voor deze laatste zeker was de redding vooral zeer bezwaarlijk geweest, wanneer het schip in eens ware omgevallen; maar gelukkig werd het enige minuten gesteund door de kluiverboom (welke later gebroken is) van het achter de bark liggende schip TONIA en daardoor had men gelegenheid allen te redden.
Later is een sjouwerman, met name van Klare, met het uitbrengen van een tros in de rivier gevallen en verdronken; zijn lijk is nog niet gevonden.
Men heeft heden kaapstanden aan de wal opgericht, een kiellichter op zijde gebracht en verder alle voorbereidende werkzaamheden gedaan, om het schip weer overeind te brengen.


  JB - Javabode

Advertentie. For sale the English brig J.C. ROSS, of 182 tons measurement, built at Massachusetts, U.S. in 1851 of oak and copper fastened.
Apply to Wilson & Co.


  JB - Javabode

Macassar, 27 april. De bark GOUVERNEUR SCHAAP, die de 22e van hier naar Bima (opm: op Sumbawa) is vertrokken, heeft op de hoogte van Glisson, waarschijnlijk door een hevige storm, haar ankers en kettingen verloren, en is dientengevolge de 25e dezer alhier binnengelopen.


  JB - Javabode

De 19e februari (opm: NRC 280561 meldt uit Hong Kong 13 februari) is op het rif Wangiwangi, nabij Boeton, gestrand en totaal verongelukt de Nederlandse (opm: Nederlands-Indische) brik SCHILLER, gezagvoerder Saltkorn, van Batavia naar Hongkong. De bemanning en passagiers zijn gered.
Tussen Bonerate en Kalaoe is onlangs een schoener, naam onbekend, totaal vergaan.
Op de 2e maart is op de rede van Boeton gestrand de Nederlands-Indische bark FATHOEL WADJAB, beladen met Gouvernements-steenkolen. Men dacht het schip te redden. Een gedeelte der lading was geborgen en met lossen werd voortgegaan.


  JB - Javabode

Bonthain, 5 mei. Eergisteren kwamen met een barkas zes schipbreukelingen aan; de gezagvoerder, een passagier en vier Europese matrozen van de naar Hongkong bestemde, maar in februari l.l. op de Z.O.-kust van Boeton gestrande brik SCHILLER. Na twee maanden op Boeton te vergeefs scheepsgelegenheid te hebben gewacht, besloot de kapt. Salzkorn, de reis naar Bonthain in de barkas te ondernemen, waarmede genoemde personen dan ook na 8 dagen varen gelukkig arriveerden.


  JB - Javabode

Macassar, 13 april. De koper van de gestrande schoener BENIN is zo ongelukkig niet, gelijk wij enige weken geleden onze lezers hebben medegedeeld; er ging, men zou bijna kunnen zeggen, geen dag voorbij of er kwamen prauwen hier ter rede, de een niet minder dan de andere beladen met goederen. Zijn wij wel onderricht dan bedraagt de tot hiertoe geborgen lading ver boven de twee derde van de koopsom.
Men zal zich nog herinneren dat het op de hoogte van Bonthain gestrande schip DIDO voor NLG 1 en de lading daarvan voor NLG 186 op de publieke vendutie verkocht zijn; nu, de kopers hebben daarmee goede zaken gemaakt, tenminste naar wij van goederhand vernamen, hebben zij reeds:114 stuks laken, 800 kisten dranken, 400 kisten glasruiten, 98 kisten waskaarsen, 180 rollen Europees touwwerk, en een massa andere goederen, uit het schip weten te bergen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 24 mei. Gister arriveerde alhier het nieuw gebouwde galjootschip HENDERIKA (opm: tjalk HENDRIKA), kapitein R. Engelsman, van Gieten, groot 90 last, gebouwd bij I.A. Hooites te Foxholsterbosch.


26 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 mei. De werkzaamheden met het overeind brengen van de bark de ZWERVER zijn heden begonnen en vorderen zeer goed. Heden avond was het schip reeds zo ver gericht, dat de masten weder boven water waren. Men zal spoedig tot het ledig pompen kunnen overgaan. De voorsteng is bij het opwinden gebroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Naar wij vernemen zal Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP enige herstellingen moeten ondergaan en zal van brik schoener worden.


27 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. De bark ZWERVER is bijna geheel gerecht. Men heeft heden een aanvang met het ledig pompen gemaakt en was heden avond daarmede reeds goed gevorderd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 24 mei. Het Nederlandse schip ELISABETH HELENA (opm: kof ELISABETH HILLENA), kapt. G.H. Strootman, van Rotterdam naar St. Petersburg, is alhier lek binnengelopen en moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 april. Van Bandjermassin meldt men, dat Zr.Ms. stoomschip BALI op een modderbank in de Barito is vastgeraakt en wellicht zal moeten worden verlaten.


28 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 mei. De bark ZWERVER is thans geheel gerecht en ledig gepompt. Ogenschijnlijk heeft het schip zelve niets geleden. Het wordt echter op de sleephelling gebracht om daar onderzocht te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 mei. De 23e dezer is te Lemmer van de werf, toebehorende aan mejuffrouw de wed. C.P. Bakker, met het beste gevolg van stapel gelopen de schoenerbrik CAROLINE CORNELIA, groot 120 lasten, gevoerd zullende worden door kapt. T. Wulp, voor rekening van de heren A. Prins & Co te Schiedam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 mei. Kapt. Pot, voerende het barkschip NIEUWLAND, van Banjoewangie de 26e mei in Texel binnen, rapporteert in de Indische Oceaan op 27º tot 29º Z.B. en 70º tot 72º O.L. door een orkaan belopen te zijn, waarin het schip 24 uren is verbleven en door de hoge en door elkander lopende zeeën veel heeft geleden, doch geen schade aan schip of tuig heeft bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 27 mei. Kapt. H.G. Surie, voerende het barkschip ALMONDE, van Banjoewangie alhier gearriveerd, rapporteerde dat hij op de hoogte van Mauritius door hevige orkanen is belopen, waarin de bezaansmast en fokkera gebroken zijn, een man der equipage door een stortzee over boord sloeg en verdronk. Hij had de averij met de aan boord zijnde middelen hersteld en de reis vervolgd, en gelooft niet dat er belangrijke schade aan de lading gekomen is. Voor en in het Kanaal heeft de ALMONDE zes weken lang met oostelijke winden gekruist.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.J. van der Meulen en W. Bakker Bz, makelaars, presenteren op maandag de 10e juni 1861, des avonds ten 6 ure precies, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam, ten overstaan van de deurwaarder J. Dupont Noordbeek, te verkopen: een buitengewoon snelzeilend, gekoperd en kopervast, in het jaar 1858 nieuw gebouwd barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd ARGONAUT, laatst gevoerd door wijlen kapt. J.P. Carst; volgens Nederlandse meetbrief lang 39 ellen 50 duimen, wijd 5 ellen 60 duimen,hol 3 ellen 94 duimen en alzo gemeten op 387 tonnen of 205 lasten. En dat verder met al deszelfs rondhouten, opstaand en lopend want, ankers, touwen, zeilen, enz. als breder bij inventaris vermeld. Het schip ligt te Amsterdam in het Oosterdok aan de dijk.
Nader bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors de Coningh & Co te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee Scheepstimmerknechten, hun werk goed verstaande, kunnen dadelijk werk bekomen bij S.K. Nijdam te Sneek.


29 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Corunna, 19 mei. Het Nederlandse schip HEERENVEEN, kapt. Prins, van Huelva komende, is alhier in averij binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 25 mei. Gisteren avond ten 8 ure is ¼ mijl van Zingst (opm: 54º26’ N.B. 12º41’ O.L.) gestrand de Nederlandse kof AVONTUUR, kapt. J. Spanjer, van Londen met ijzer naar Stettin (opm: Szczecin) bestemd. Het schip heeft 2 voet water in het ruim en zal wrak zijn. De bemanning was heden morgen aan boord.
(Een later bericht van 27 mei in de Engelse bladen meldt, dat het schip weg is; doch niets omtrent de equipage [opm: zie NRC 070661].)


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen op maandag 27 mei in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ:
-  Barkschip ANNA HELENA: NLG 6.800, in slag NLG 100, koper C.S. Oolgaardt. (opm: een makelaar, handelend namens de koper, nieuwe scheepsnaam TJOEMBOELOEIT)
-  Barkschip SOOLO: NLG 14.100, in slag NLG 1.400, koper H.J. Rietveld. (opm: een makelaar, handelend namens zijn opdrachtgever; het schip werd gesloopt)
-  Twee 1/32e aandelen in het fregatschip JOHANNA MARIA CHRISTINA, elk NLG 500, in slag NLG 10, opgehouden.
-  Twee 1/20e aandelen in het fregatschip WILHELMINA, elk NLG 2.900, in slag NLG 100, opgehouden.
-  4/40e Aandeel in het fregatschip ZAANSTROOM niet geveild, zijnde uit de hand verkocht.
-  2/38e Aandeel in het fregatschip ESTAFETTE niet geveild, zijnde uit de hand verkocht.


  JB - Javabode

Zr.Ms. stoomschip PHOENIX strandde de 15e maart ter rede van Sumbawa en geraakte eerst de 25e dier maand weder vlot, nadat het schip geheel ledig gehaald en verlaten was. De sultan en de rijkbestierder van Sumbawa bewezen bij die gelegenheid bijzonder goede diensten.


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen datum zal ingevolge autorisatie van de regering, door tussenkomst van de gouvernements-commissionairs John Pryce & Co, voor de Marine pakhuizen alhier (opm: Batavia) publiek worden verkocht: de voor de dienst afgekeurde en thans aan het Marine-Etablissement te Onrust liggende oorlogsbrik de HAAI, met mastgestel en bij te voegen staand want, zomede enige van die bodem afkomstige voor de dienst der Marine onbruikbare inventarisgoederen, het schip onder ’s Gouvernements nadere goedkeuring, de inventaris zonder reserve. Zon- en feestdagen uitgezonderd is het schip dagelijks voor een ieder te bezichtingen. Nadere informatiën zijn te bekomen bij het Marine-departement te Batavia en de directie van opgenoemd etablissement.


  JB - Javabode

Kanagawa, 1 april. Men zegt, dat de Japannezen zeer spoedig in China zullen gaan handeldrijven. Of dit zeggen waar is of niet kunnen wij niet bepalen, Vreemd is het echter, dat de lust tot het kopen van schepen zeer vermeerd is.
Onlangs werd de Nederlandse brik FENNA verkocht voor 16.000 Mexicaanse dollars, en een oude Engelse stoomboot voor 35.000 Mexicaanse dollars. Een paar Engelse stoomboten worden hier op speculatie van Shanghae verwacht.
De Nederlandse schepen zijn volgens verklaring der Japannezen uit hoofde hunner sterkte het meest gewild, en vooral schepen van niet te groot charter, als schoeners en brikken, die niet te oud zijn.


30 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 mei. Naar wij vernemen zal Zr.Ms. stoomschip DJAMBI met spoed worden gereed gemaakt om de 16e der volgende maand van het Nieuwediep te kunnen vertrekken naar Curaçao tot versterking van het stationnement aldaar.
Het schroefstoomschip de APELDOORN, commandant luit.t.zee 1e klasse J.A.H. Hugenholtz, de 16e april j.l. in dienst gesteld, ligt thans te Nieuwe Diep gereed om naar Suriname te zeilen. De 31e mei of 1 juni zal de APELDOORN een proefreisje ondernemen, alvorens naar West-Indië te vertrekken. De zeildag is bepaald op 10 juni.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 27 mei. De Belgische kof LOOCHRISTY, kapt. Nifors, van hier naar Gent, is op Groot-Burlo gestrand, ontzet en zwaar lek geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Quebec, 16 mei. Het Belgische schip PHOENIX, kapt. Wickman, van Antwerpen op hier bestemd, is gezonken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 29 mei 1861. Gisteren arriveerde alhier het nieuw gebouwde schoonerschip EQUIVALENT, kapt. J. Nieveen, van Groningen, groot 115 last, gebouwd bij I.A. Hooites, te Hoogezand en het nieuw gebouwde schoonerschip GEESINA ALIDA (opm: GESINA ALIDA), kapt. D.H. Botje, groot 110 last, gebouwd bij J. Bodewes, beide te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Faillissement: Bij vonnis van de arondissementsrechtbank te Groningen van 28 mei 1861, behoorlijk op de expeditie geregistreerd, is T.G. van Lier, van beroep schipper, voerende het kofschip DREWES ROMELING, verklaard te zijn in staat van faillissement, in te gaan op 27 mei 1861, met benoeming van de edelachbare heer Jhr. Mr. R.A. Quintus, rechter in voormelde rechtbank, tot rechtercommissaris en van de ondergetekende tot curator.
Groningen, 29 mei 1861.                               Mr. S.M.S. Modderman, curator


31 mei 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 27 mei. De lading van het bij Zingst gestrande Nederlandse kofschip AVONTUUR (opm: zie NRC 070661) zal, wanneer het weder blijft dienen, gered kunnen worden. Het schip zal weg zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E.T. Kuiper zal op donderdag de 6e juni 1861, des namiddags 3 uur, ten huize van Hein P. Hilarides te Bolsward, openlijk presenteren te verkopen: een goed onderhouden Turfschuit, de VIJF GEZUSTERS genaamd, groot 26 ton, met mast, roer en zwaarden, opstaand en lopend want, zeilen, dek en luikkleden, haken, bomen en verdere complete inventaris, thans liggende aan het Rondeel, buiten de Blaauwpoort aldaar; na aanwijzing van Lolke de Jong te bezichtigen en terstond na de toewijzing te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De griffier R.H. Brandenburg te Lemmer gedenkt op zaterdag de 8e juni 1861, des morgens om elf uur, ten huize van Adema, in het Posthuis aldaar, publiek veilen en te verkopen: een Hek Tjalkschip, genaamd de JONGE JAN, groot 31 tonnen, met zeil en treil, ankers, touwen en verdere inventaris, zodanig hetzelve bevaren wordt door schipper C.G. van der Zee, liggende in de Zijlroede in de Lemmer. Zijnde inmiddels uit de hand te koop.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, groot 51 ton, met een beste complete inventaris. Te bevragen bij E. van der Zee, in de Pijlsteeg te Leeuwarden.


01 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 30 mei. Bij de Zwolsche Stoomboot-Maatschappij alhier bestaat het voornemen om een derde stoomboot in de vaart te brengen, zo mede om een nachtdienst tussen Amsterdam en deze stad te openen. Betrekkelijk een en ander zal binnen kort door de directie aan de aandeelhouders in een algemene vergadering het voorstel worden gedaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zutphen, 30 mei. In de jongste vergadering der aandeelhebbers in de Deventer Stoomboot-Maatschappij is besloten een lening van NLG 45.000 te openen, welke reeds voltekend is, met een vaste rente ad 5%, preferent boven de bestaande aandelen, welke dividends-gewijze renderen, om daarvoor een tweede stoomboot tussen Deventer en Rotterdam in dienst te stellen van weinig diepgang en snelle vaart; gemelde stoomboot zal waarschijnlijk op de werf van de heer Paul van Vlissingen te Amsterdam worden vervaardigd.


02 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wij vernemen dat het eskader bestaande uit: Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND, commandant de kapt. ter zee G. Fabius, schroefstoomschepen DJAMBI, kapt. luitenant ter zee M. H. Jansen, VESUVIUS, luitenant ter zee 1e klasse J.O.H. Arntzenius en APELDOORN, luitenant ter zee 1e kl. J.A.H. Hugenholtz, tegen het begin van juli zal moeten gereed zijn om naar Curaçao te stevenen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juni. Volgens brief van kapt. C. van Heemstede Obelt, voerende het schip JOHANNES CHRISTIAAN, van Batavia herwaarts gedestineerd, in Texel binnen, had hij de 11e februari bij de Cocos-Eilanden, op 18º Z.B. en 91º lengte, een hevige orkaan doorgestaan, waardoor veel zeilen waren verloren gegaan en veel schade aan schip en tuigage veroorzaakt was.


03 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kampen, 31 mei. Heden had hier de jaarlijkse algemene vergadering plaats van de deelhebbers in de Rhijn en IJssel-Stoombootmaatschappij, waarop vertegenwoordigd waren 124 stemmen.
Uit het verslag van de gang en staat der maatschappij over het op 31 december j.l. afgelopen dienstjaar is gebleken dat de ontvangsten meer dan het vorig jaar hebben bedragen; dat er des niettemin een nadelig saldo bestond van NLG 1.651.10½, hetwelk is toe te schrijven aan de Pinksterstorm, die door het stranden van de ADMIRAAL VAN KINSBERGEN (opm: zie PGC 050660), het huren van vreemde boten, als anderszins, de maatschappij een schade van ruim NLG 8.000 heeft toegebracht; zonder welke ramp de maatschappij bij machte zou zijn geweest de aandeelhouders een dividend aan te bieden.
Na het benoemen der commissiën, voorgeschreven bij art. 21 der statuten, is in plaats van de heer H. Rijkx, die als zodanig had bedankt, tot commissaris benoemd, de heer H. J. Ankersmit Jr. te Deventer.
Door enige leden werden tot commissarissen vragen gericht, en opmerking gemaakt omtrent het onlangs ingevoerde verhoogde tarief voor vrachtgoederen. Commissarissen gevoelden met de leden het hoge gewicht van die maatregel en gaven te kennen, dit tot een punt van ernstige overweging op hunne eerste bijeenkomst te zullen maken.
Eindelijk zijn van de lening van NLG 30.000 uitgeloot de aandelen No. 9 en 14, ieder van NLG 500 en van die van NLG 20.000 vijf aandelen No. 125, 61, 137, 177 en 120, ieder van NLG 100.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 13 april. Een gedeelte der lading van het op 9 maart met schade in de Tafelbaai binnengelopen Nederlandse barkschip CANTON, kapt. J. Kettler, van Rotterdam naar Batavia, is beschadigd en zal heden publiek worden verkocht.


04 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. Kapt. C. Wilkes, voerende het stoomschip AMSTEL, van Hamburg alhier in het Oosterdok aangekomen, rapporteert de 1e dezer, bij het binnenkomen van het N.O. gat van ’t Vlie, aan de grond te hebben zien lopen, een vermoedelijk Amerikaans schip, zeilende om de Oost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. Het schip (opm: fregat) HET GOEDE VERTROUWEN, kapt. D.J. Kraan, van Banjoewangie herwaarts gedestineerd, te St. Helena binnengelopen, heeft, volgens brief van de kapitein, op de hoogte van de Cocos eilanden een orkaan doorgestaan, waardoor vele planken der schuurhuid (opm: de gangen in het vlak van het schip) verloren waren gegaan en meer andere schade veroorzaakt was; de kapitein dacht echter dezelfde avond de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. Het schip (opm: ijzeren fregat) LOUISE, kapt. P. Buys Jr, van Banjoewangie naar Amsterdam, de 12e april te Simonsbaai binnengelopen, heeft de 19e de reis voortgezet. Kapt. Buys heeft aldaar de equipage van het Franse schip MARIE GABRIELLE, kapt. Even, geland, welke door hem buiten Straat Bali was gered, zijnde hun schip op de noordwestkust van Australië verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 juni. Volgens brief van Kaapstad van de 20e april, was de 5e dito van de lading van het aldaar afgekeurde schip (opm: bark) CATHARINA MARIA, kapt. Schuchadt (opm: kapt. A.T. Schuchard, zie NRC 040561 en 050661), van Banjoewangie naar Rotterdam, 1.322 balen koffie en 281 kanassers suiker wegens beschadigdheid verkocht, terwijl het gezonde gedeelte der lading overgescheept werd in de Engelse brik LUMLEY, kapt. Lawson.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Potschip, ruim vijf jaren oud, groot dertien tonnen. Te bevragen bij de heer W.F. Stam te Sneek. (opm: zie LC 120261)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Stoomboot en Diligence genaamd HARLINGEN.
Zomerdienst tussen Amsterdam, Enkhuizen, Harlingen en Leeuwarden.
Van Amsterdam:        maandags, namiddags, 3 uur.
Van Leeuwarden:       dinsdags, morgens, 8 uur.
Van Harlingen:           dinsdags, morgens, 10½.
Kantoor te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg.


05 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 20 april. De alhier afgekeurde Nederlandse bark CATHARINA MARIA, gevoerd geweest door kapt. A.T. Schuchard, is 9 dezer in publieke veiling verkocht en heeft GBP 700 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag 4 juni in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam: het Nederlands fregatschip IJSSEL, groot 291 lasten, verkocht voor NLG 13.000; een chronometer voor NLG 115, een dito voor NLG 150, een sextant voor NLG 80.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fernambucq, 19 mei. De Belgische bark MARIA THERESE, kapt. Hornes, van Santos naar Hamburg, alhier lek binnengelopen is afgekeurd.


  JB - Javabode

Advertentie. Op de 20e juni 1861 zal op ’s Lands werf publiek worden verkocht de oorlogsbrik de HAAI, met mastgestel en staand want, liggende bij het Marine Etablissement te Onrust.
John Pryce & Co.


  JB - Javabode

Het schip BAREND WILLEM is uit de hand verkocht voor NLG 36.000. (opm: fregat, eind november 1860 te Amsterdam aangekomen; waarschijnlijk aldaar naar Engeland verkocht en herdoopt in ALAYA)


06 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ibraïl, 26 mei. Het wrak van het bij St. Georges gestrande Nederlandse schip ROELFINA, kapt. J.A. Hazewinkel (opm: zie NRC 240561), is verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New-York, 22 mei. Het schip AMSTEL, van Carthagena komende, is vóór 9 mei beneden Mobile gestrand, geheel onttakeld en door de bemanning verlaten. (opm: waarschijnlijk de Nederlandse bark AMSTEL, gebouwd in 1841, in 1860 naar Engeland verkocht en onder dezelfde naam doch Engelse vlag in de vaart gebracht)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op woensdag 19 juni a.s, des avonds te 7 uur, zullen ten overstaan van Mr. N van Hasselt, notaris te Groningen, ten huize van kastelein C. Struve, aan de Groote Markt te Groningen publiek worden verkocht:
-  ten verzoeke van S.H. Woldringh te Zoutkamp 10 oxhoofden onbeschadigde Bordeauxwijn, afkomstig van de lading van het op reis van Bordeaux naar Bremen gestrande schip GIJSBERTHA WILHELMINA, kapitein P.L. Pribee (opm: zie o.a. NRC 141260), van het huis Dircks et Fils te Bordeaux, van de gewassen 1858 en 1859,
-  en ten verzoeke van mejuffrouw de wed. J.C. Groenewold, te Groningen, 4 oxhoofden van de huizen Veuve la Nore Aine en Veuve la Nore et Cie te Libourne, alles liggende in entrepot in het Stalstraatje, letter A no. 10 te Groningen en aldaar te bezien en te proeven des morgens bevorens van 10 tot 2 uur.
Mr. N van Hasselt, notaris.


07 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juni. Volgens brief van kapt. J. Bakker, voerende het schip CORNELIS WERNARD EDUARD, in dato Mauritius 6 mei j.l, was hij de 7e april, op deszelfs reis van Padang naar Rotterdam, aldaar binnengelopen tot herstel der schade, aan het schip veroorzaakt in een orkaan, die hetzelve gedurende 3 dagen op de hoogte der Cocos eilanden had doorstaan. Het schip was lek, maakte op zee ongeveer 10 duim water per uur, werd gekalafaat en gekoperd en zou binnen 14 dagen tot het voortzetten der reis gereed zijn. Van de lading waren 500 balen koffie in beschadigde staat verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 3 juni. De gestrande Nederlandse kof AVONTUUR, kapt. J. Spanjer – zie NRC van 29 en 30 mei – is vlot en hier in de haven gebracht. Het schip dat zwaar lek en beschadigd is, is door een commissie onderzocht en afgekeurd. Het zal binnenkort verkocht worden (opm: zie NRC 230661). De lading ijzer is geheel geborgen en wordt met lichters naar Stettin gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 mei. Het Nederlandse schip (opm: bark) LOUIS MEIJER, kapt. J. Holtgreve, van Banjoewangie naar Amsterdam, is hier 11 april in averij binnengelopen; hebbende in een zware orkaan kruismast, voor- en grote steng, met al het daaraan zijnde tuig verloren en een gedeelte der lading over boord moeten werpen.


08 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Omtrent de averij van het schip (opm: bark) LOUIS MEIJER – zie NRC van gisteren – meldt men uit Amsterdam het volgende:
Het schip LOUIS MEIJER, kapt. J. Holtgreve, van Banjoewangie herwaarts gedestineerd, is, volgens brief van Mauritius van 6 mei, de 11e april aldaar met verlies van bezaansmast, met schoon dek en meer andere schade binnengelopen, na de 14/16 maart, op 16º30’ breedte en 94º 55’ lengte, een orkaan doorgestaan te hebben. Het schip was van onderen echter dicht gebleven en behoefde niet te koperen. Van de lading waren 728 kisten thee, 855 balen koffij, 256 balen rijst, 85 kisten gom en 66 kannisters suiker gelost. Het overige gedeelte was zwaar beschadigd en bijna totaal weg.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wolgast, 1 jun. Het schip (opm: kof) AEOLUS, kapitein F. Dekker, van Stettin naar Amsterdam, verliet heden onze rivier om zee te kiezen.


09 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 juni. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ADOLF HERTOG VAN NASSAU, in aanbouw op ’s Rijks werf te Vlissingen, is de 8e dezer met goed gevolg te water gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lissabon, 6 juni. Het schip KLEI-OLD-AMBT (opm: galjoot KLEI OLDAMBT), kapt. T.H. Smit, van Livorno naar Antwerpen, is hier lek binnengelopen en moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Garrucha, 6 juni. Het schip JOSEPHA, kapt. Dick (opm: buitenlander), is bij Villaricos gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Quebec, 24 mei. Het alhier in averij liggend schip PHOENIX kapt. Wickman, van Antwerpen, is nagezien en afgekeurd.


11 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juni. Heden morgen is van het Nieuwe Diep vertrokken Zr.Ms. stoomschip APELDOORN, commandant Hugenholtz, bestemd naar Suriname.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 7 juni. De Nederlandse brik CATHARINA ELISABETH, kapt. J. Nannings, van Glasgow naar Suriname, is op 3 juni bij de vuurtoren van Belmullet (opm: 54º13’ N.B. 9º59’ W.L.) gezonken, na gedurende 9 dagen, wegens storm en harde tegenwind, op de rede van Broadhaven ten anker gelegen te hebben; het volk is gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder J.J. van Akkeren te Sneek zal publiek veilen en verkopen: een overdekte Tjalk, HOOP OP ZEGEN genaamd, gemeten op 19 ton, met deszelfs lopend en staand want en verdere inventaris, zodanig deszelve in gebruik is bij Sikke Hielkes de Boer en ter bezichtiging is liggende nabij de Oosterpoort te Sneek.
Wie gading maakt, komt op maandag de 17e juni 1861, ’s avonds 7 uur, ten huize van W.S. Wagenaar, logementhouder te Sneek.


12 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op maandag 10 juni in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam: het Nederlands barkschip ARGONAUT, voor NLG 46.600 verkocht. (opm: koper N. Brandjes en anderen, Purmerend)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 8 juni. Het Nederlandse schip (opm: brik) ANNA MARIA, kapt. H. Siegers, van Ibraïl naar Falmouth, is de 24e mei bij Sicilië gezonken. De bemanning is gered en hier geland.


  JB - Javabode

Advertentie. Ter bevrachting naar enige haven in de Indische archipel wordt aangeboden het snelzeilend, nieuw gerepareerd Nederlands-Indisch brikschip JEANNETTE MARIA, hernaanmd WILLIAM, ladende plm. 4000 pikols.
Voor informatiën adressere men zich tot de agenten P. Landberg & Zoon.


13 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Men verneemt dat het stoomschip DJAMBI met 15 dezer niet gereed kan zijn en eerst op het einde dezer maand zal kunnen vertrekken.
Op de rijkswerf te Vlissingen zijn nog in aanbouw de schroefstoomschepen der 1e klasse LEEUWARDEN en CURAÇAO, en der 4e klasse DEN BRIEL en AART VAN NES, waarvan het eerste in 1859, het tweede in 1860, en de beide laatste in 1861 zijn op stapel gezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 juni. Gister arriveerde hier het nieuw gebouwde schoonerschip ZEEPLOEG, kapitein B. Luder, groot 100 last, gebouwd bij Jan Meihuizen, beide te Wildervank.


15 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar, 25 maart. Met leedwezen delen wij onze lezers mede, dat het schip SOPHIA, hetwelk door de belanghebbende is gehuurd, ten einde de rijke lading, bestaande merendeels in lijnwaden, van de gestrande schoener BENIN (opm: zie o.a. JB 270361) van Takabakang naar herwaarts over te brengen, heden van zijn reis is teruggekeerd, brengende het treurig bericht, dat de genoemde schoener bereids uit elkander is geslagen en men geen de minste hoop kan koesteren, iets van de goederen te kunnen bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 mei. Van de Zuid- en Ooster afdeling van Borneo meldt men, dat Zr.Ms. stoomschip BALI nog te Kwala Mantalat vast zit. De sleper VAN OS is derwaarts gezonden om tijding van dit stoomschip te vernemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 mei. Vrachten. Hierin valt weinig variatie mede te delen. De vraag voor scheepsruimte was in de laatste veertien dagen niet levendig.
De volgende schepen vonden emplooi als: Nederlands HENDRIKA, 752 ton, te Soerabaija bevracht à NLG 65 per last voor suiker en NLG 62.50 voor tabak naar Amsterdam. Nederlands JOHANNES H. FERDINAND (opm: bark JOHANNES HENDRIKUS FERDINAND), 687 ton, NLG 72,50 à NLG 75 voor suiker, NLG 60 voor rijst, NLG 65 voor tabak, NLG 30 voor tin, NLG 95 à NLG 100 voor arak, hier, te Tagal en Samarang te laden naar Amsterdam. Nederlands BATAVIER, 628 ton, NLG 65 voor suiker, NLG 60 voor rijst en NLG 100 voor arak te Samarang; NLG 60 voor tabak en NLG 100 voor arak te Soerabaija naar Amsterdam. Nederlands HENRICA, 325 ton, opgenomen à 60 $ cents per pikol rijst, hier te laden naar Macao. Nederlands GENERAAL MICHIELS, 433 ton, bevracht à 55 $ cents de pikol rijst naar China. Nederlands SOERABAIJA PACKET laadt te Soerabaija tabak voor rederij rekening.
Onbevrachte Nederlandse schepen: STAATSRAAD VAN DER HOUVEN, TERNATE, BUITENZORG, HUYDECOPER, NEDERLAND EN ORANJE, en PRINS HENDRIK.
De Nederlandse schepen ZWALUW, ULYSSES, SOUBURG, G. G. DUYMAAR VAN TWIST (opm: bark GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST) en STAD ASSEN doen kustreizen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sappemeer, 12 juni. Van de werf van scheepsbouwmeester J. Bodewes, werd heden namiddag met goed gevolg te water gelaten, het kofschip genaamd COOP ROELF SIKKENS, groot plm. 50 roggelasten, zullende worden bevaren door kapitein H.H. Schaaf, van Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na enige tijd tussen hoop en vrees te hebben verkeerd ben ik eindelijk tot het voor mij en mijn twee kinderen zo treurige besluit moeten komen, dat mijn hartelijk geliefde echtgenoot, kapitein Jan Roelfs van Laten in de ouderdom van bijna 32 jaren, waarvan ik 5 jaren met hem in de genoegelijke echt mocht verenigd zijn, met het kofschip MIENA, op 9 februari van Pillau (opm: Baltiysk) vertrokken is en bestemd naar Tonsberg, zijn jeugdig leven met dat der gehele bemanning in de golven heeft moeten eindigen. Diep bedroefd geef ik van dit voor mij en mijne kinderen, te jong om het gemis van een vader te beseffen. Zo smartelijk verlies, door deze kennis aan familie, vrienden en bekenden.
Groningen, 14 juni                                         M.l. Volhand, wed. J.R. van Laten


16 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juni. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 15 schepen:
Voor Rotterdam: KORTENAER, kapt. A. Glazener Jr; TONIA, kapt. C.F. Zeeman; GENERAAL DE STUERS, kapt. J.C. Viersma; JOHANNA MARIA (opm: Vaesen & Steinhaus), kapt. P.J. Dam; EVA JOHANNA, kapt. S. van Bockhove; MAASSLUIS, kapt. S. Post.
Voor Amsterdam: VREDE, kapt. L. van der Plas; CHRISTINA AGATHA, kapt. W.L. Esink; LAURA EN ADÈLE, kapt. H.F.C. Noël; OCEAAN, kapt. D. Herderschee; ANTHONY VAN HOBOKEN, kapt. H.P. Hazewinkel; ANNA, kapt. J.R. Bok (van Rotterdam).
Voor Dordrecht: GROOTMEESTER NATIONAAL, kapt. A.F. Giesse.
Voor Schiedam: LOOPUYT, kapt. M. van der Hidde.
Voor Middelburg: NOORDSTER, kapt. J. Luteyn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juni. De minister van buitenlandse zaken, gezien een mededeling van de minister van marine dat de koning machtiging verleend heeft om de scheepsmacht in de West-Indiën tijdelijk te versterken met Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND en de schroef-stoomschepen DJAMBI en VESUVIUS, met het doel, om gedurende de verwikkelingen welke in de Verenigde Staten van Noord Amerika schijnen op handen te zijn, aan de handel en aan de scheepvaart van Nederland bescherming te verlenen, waar die mocht worden vereist, acht zich verplicht de aandacht van de scheepsbevelhebbers, reders en inladers te vestigen op het gevaar en de nadelen waaraan zij zich zouden blootstellen, door in strijd met de plichten aan onzijdige mogendheden opgelegd, een werkelijke blokkade niet te eerbiedigen, of oorlogscontrabande of voor een van de oorlogvoerende partijen bestemde dépêches, te vervoeren. In deze gevallen toch zouden belanghebbenden aan alle de daaruit voortvloeiende nadelige gevolgen blijven onderworpen, zonder op enige bescherming of tussenkomst van Zijner Majesteits regering, welke ook, aanspraak te kunnen maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 14 juni. Heden is van de scheepstimmerwerf van de heer F. Kloos alhier met het beste gevolg te water gelaten het ijzeren stoomschip genaamd de ZWALUW, bestemd voor de dienst tussen Zwolle en Amsterdam.


18 juni 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 15 juni. Kapitein J. Romelingh voerende het kofschip NOORDSTER, komende van Osterrisor, in Noorwegen, verklaart dat door de brand, die daar zo hevig van 4 op 5 juni woedde, het hele stadje Osterisor, hebbende 2000 inwoners en 330 huizen is afgebrand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 14 juni. Volgens brief van kapitein F.W. van Heyningen, voerende het barkschip KRIMPENERWAARD, was hij op 2 mei van Rotterdam te Batavia aangekomen, hebbende 122 dagen reis, alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Weymouth, 13 juni. Het schip (opm: galjoot) MEIKA JACOBA, kapitein Huizinga (opm: J. Nannings), van Montevideo naar Antwerpen is wegens gebrek aan water, alhier binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een halfsleten Veerschip, met zeil en treil, groot 17 ton.
Te bevragen bij G.F. van der Wal te Sloten.


19 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 16 juni. Volgens rapport van kapt. J. Römelingh, voerende het schip NOORDSTAR, van Osterrisör alhier aangekomen, was door de aldaar van 4 op 5 dezer geheerst hebbende hevige brand al de belangrijk aanwezig zijnde voorraad hout vernield, zodat geen lading meer in die haven te verkrijgen was.


  JB - Javabode

Advertentie. Op een nader te bepalen dag zal in publieke veiling te Soerabaija worden verkocht, doch inmiddels uit de hand te koop zijnde, het Nederlands barkschip ULYSSES, gezagvoerder F.J.A. Mollinger, thans liggende te Soerabaija, groot 785 gemeten tonnen. Informatiën te bekomen bij de gezagvoerder, bij de heren Schimmelpenninck & Co te Soerabaija, en te Batavia bij de agenten Haager & Schuurman.


  JB - Javabode

De 13e juni is van Soerabaija naar Bali vertrokken het Nederlands-Indisch schip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN (opm: zie PGC 300461), thans hernaamd HOOD-HOOD, kapt. Sech Almamrie.


20 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 18 juni. Het Rotterdamse stoomschip RHONE, kapt. W.J. Wilkens, van Rotterdam naar Marseille, is hier met schade aan de machine binnengesleept en naar Southampton gebracht om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 18 juni. Het schip OPHIR, kapt. Krabbe, van Reval naar de Maas, is hier lek binnengelopen en lost om te repareren (opm: vermoedelijk buitenlander).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Palermo, 14 juni. De EBBA FREDERICA, kapt. Norberg (opm: buitenlander), van Ibraïl naar Falmouth, is bij Sciacca vergaan.


21 juni 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, groot 47 ton, nieuw uitgehaald in 1849, met al zijn toebehoren, liggende aan de Grachtswal te Leeuwarden en aldaar te bevragen bij S. Brouwhamer. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een best halfsleten schip, groot 21 ton, met mast en wigt. Te bevragen bij Jan de Jong, scheepstimmerman te Leeuwarden.


22 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer (gemeente Ridderkerk), 21 juni. Heden is van de scheepstimmerwerf van de heer J. Smit alhier, met goed gevolg te water gelaten, het fregatschip DAGERAAD, groot 400 gemeten lasten, bestemd voor de grote vaart en gebouwd voor rekening en zullende varen onder directie van de heer F. Smit te Kinderdijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Slikkerveer (gemeente Ridderkerk), 21 juni. Heden is van de werf van de heren P. en C. Boelen, scheepsbouwmeesters alhier, met het beste gevolg te water gelaten, het ijzeren stoomschip MAASNYMPH, bestemd voor de dienst tussen Rotterdam en Hellevoetsluis. Wij kunnen hier bijvoegen, dat door de oprichting van deze onderneming in een lang gevoelde behoefte zal worden voorzien.


  JB - Javabode

Per telegraaf wordt medegedeeld, dat de 18e juni j.l. het schip AGATHA MARIA (opm: bark AGATHA EN MARIA, kapt. W.B. van Zijp), beladen met koffij en kopergeld op reis van Tjilatjap naar Nederland, bij Karang-Bolong is gestrand. Het schip moet totaal verloren, de passagiers echter gered zijn (opm: zie JB 260661, 030761, 160861 en NRC 220961).


  JB - Javabode

Het schip (opm: fregat) STRAAT BALY, kapt. J.C. Scholl, groot 389 gemeten lasten, gebouwd anno 1839, is uit de hand verkocht voor NLG 28.500 voor Oost-Indische rekening, en het schip (opm: fregat) WALVISCH, kapt. T. Schut, groot 422 gemeten lasten, gebouwd anno 1840, voor NLG 25 à 27.000 gekocht voor Engelse rekening.


  JB - Javabode

Geveilde schepen te Amsterdam de 6e mei:
-  PHILIPS VAN MARNIX (opm: fregat), kapt. D. Duinker, groot 634 lasten, gebouwd in 1841: om NLG 31.500 verkocht (opm: herdoopt in CATHARINA JACOBA HENRIETTE).
-  JAVAAN (opm: fregat), kapt. H. Munnix, groot 389 lasten, gebouwd in 1826: om NLG 28.000 verkocht en voor Oost-Indische rekening gekocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. C. Hartman Busman, notaris te Sappemeer zal, op maandag 1 juli 1861, des avonds te 6 uur, in het Gemeentehuis te Sappemeer, bij contant geld, te koop aanbieden: het Nederlandse kofschip TROMP EN DE RUITER, groot 73 zeetonnen, in 1859 nieuw volbouwd op de werf van Jurjen J. van der Werff te Sappemeer, met boot en al deszelfs staand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere gereedschappen, zoals hetzelve is bevaren door wijlen kapitein B.J. Tromp, laatstelijk door A.H. Puister, thans liggende en dagelijks te bezien in de Zuiderhaven, bij de Marwixpijp. Informatiën bij O.P.H. Lofvers, te Sappemeer en bij kapitein Puister, aan boord.


23 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. De AMSTEL, schroef-stoomboot 4e klasse, onlangs te Amsterdam van stapel gelopen, wordt de 1e juli van daar te Nieuwediep verwacht.
Met spoed wordt er gewerkt om de stoomboten BROMO en SINDORO, bestemd naar Oost-Indië, gereed te maken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan de Lek, 22 juni. Heden is van de scheepstimmerwerf van de heren J. en K Smit alhier, met goed gevolg te water gelaten, het fregatschip (opm: bark) genaamd BATAVIA, groot circa 400 gemeten lasten, gebouwd voor rekening van een rederij onder directie van de heer M. Lels te Alblasserdam, bestemd voor de grote vaart en zullende worden gevoerd door kapt. J.J. Prange.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 20 juni. Aangaande het alhier te huis behorend tjalkschip VAN DIJKEN VAN LANGWIJK, kapt. B.S. Wienke, de 28e september a.p. (opm: anno passato, verleden jaar) te Newcastle zeilklaar liggende naar Zwolle, heeft men sedert die tijd niets meer vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tönsberg, 12 juni. De Harlinger Groenlandsvaarder NOORDPOOL, kapt. C. Koch, had de 22e mei 1000 robben geslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stralsund, 19 juni. De alhier afgekeurde Nederlandse kof AVONTUUR (opm: zie NRC 070661), is 15e dezer in publieke veiling voor 330 thaler verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 13 mei. Het alhier van Java gearriveerde Nederlandse schip (opm: brik) CORNELIA HENDRIKA, kapt. C.C. Jaski, heeft 5 april gepraaid het schip CORNELIA, welke bodem de masten verloren had.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Gisteren avond omstreeks 7 ure ontlastte zich boven de gemeente Ridderkerk en omstreken een hevig onweder, vergezeld van zware regen. Te Kinderdijk sloeg de bliksem in de mast der aan de werf liggende stoomboot TELEGRAAF. Het bovengedeelte der mast spleet vaneen.


24 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 22 juni. De geconcessionneerde stoombootdienst van de heer P. Meeter, tussen Amsterdam en deze stad, zal nog in het laatst van deze maand in werking treden, door het in dienst stellen van de volgens een nieuw model gebouwde stoomboot DE ZWALUW. Naar men verneemt, heeft de heer W. Meeter van zijn voornemen afgezien om insgelijks een dienst tussen beide gemeenten daar te stellen.


25 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juni. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND, onder bevel van de kapitein ter zee G. Fabius, is in de morgen van de 23e dezer van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken, ter opvolging van zijn bestemming naar de West-Indiën. Deze bodem zal aanvankelijk naar Mesapeathe-baai stevenen, van waar de bevelvoerder zich in commissie naar Washington zal begeven en zich later te Curaçao verenigen met en aldaar het bevel voeren over het eskader, bestaande uit de ZEELAND, DJAMBI en VESUVIUS.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 23 juni. Het verheugt ons te kunnen berichten, dat per telegram de tijding is ontvangen, dat heden morgen, het hier te huis behorende schip de NOORDPOOL, kapitein C. Koch, te Tönsberg is binnen gekomen met 3120 oude robben. Over het geheel luiden de berichten betreffende de robbenvangst vrij gunstig.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop bij Age W. v.d. Berg Scheepstimmerman te Heeg: een wel onderhouden Veerschip, lang 11,329 el (38 voet), wijd 3,427 el (11½ voet), groot 18 ton; vroeger in gebruik geweest bij de schipper B.G. Hobma, beurtschipper van Workum op Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hechte Tjalkschuit met haar toebehoren, groot plm. 26 ton. Te bevragen bij W. Nijdam, scheepstimmerman te Bolsward.


26 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 juni. Naar men van goederhand verneemt, is of zal de zeildag van Zr.Ms. stoomschip VESUVIUS, onder bevel van de luit.t.zee 1e kl. A. Schotborgh, worden bepaald op de 4e juli aanstaande. Deze bodem is, zo men weet, bestemd naar Curaçao.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Landscrona, 20 juni. De te Amsterdam te huis behorende schoener THORBECKE, kapt. F.H. Witting, van Dantzig (opm: Gdansk) met tarwe naar Leith bestemd, is eergisteren op Walogrund gestrand, doch kwam na ontlossing van een gedeelte van de lading vlot en hier gisteren in de haven, waar de lading nu verder gelost zal worden (opm: zie NRC 010761).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 23 juni. De Nederlandse stoomboot REMBRANDT, kapt. H. Haack, gisteren alhier om de Zuid gepasseerd, kwam hedenmorgen terug, koers zettende naar Kopenhagen en op sleeptouw hebbende de Nederlandse stoomboot RUBENS, kapt. Miedema (opm: S. van der Wielen Miedema); welk vaartuig schade aan de schroef heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 22 juni, per telegraaf. De Nederlandse schoener FIVEL, kapt. J.  Dommering uit Groningen, is alhier gestrand (opm: zie NRC 020761 en 120861).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. B.D. Bosscher en E.G. Bosscher, makelaars, zullen op maandag de 8e juli 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen: een extraordinair welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, genaamd ACTIVO, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapt. W.A. Fraay. Volgens Nederlandse meetbrief lang 28 ellen 60 duimen, wijd 4 ellen 90 duimen, hol 3 ellen 18 duimen, en alzo gemeten op 201 tonnen of 106 lasten. Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.
(opm: in augustus verkocht, nieuwe naam HIERONIMA FREDERICA)


  JB - Javabode

Advertentie. Op vrijdag de 5e juli 1861, ten 11 ure precies, zullen de ondergetekenden publiek verkopen de Nederlands-Indische schoener PANGERAN MOHAMAD SAH.
Nadere informatiën te bekomen bij John Pryce & Co.


  JB - Javabode

Advertentie. De geannonceerde verkoop van het Nederlandse barkschip ULYSSES, groot 785 gemeten tonnen, met de gehele inventaris, zal alsnu plaats hebben te Soerabaija op de 9e juli e.k, blijvende deze bodem inmiddels uit de hand te koop. Informatiën bij de gezagvoerder F.T.A. Mollinger, dan wel bij de heren Schimmelpenninck & Co te Soerabaija en alhier bij Haager & Schuurman.


  JB - Javabode

Ten vervolge van het telegrafische bericht, voorkomende in ons laatste nommer, delen wij het volgende mede:
De AGATHA MARIA (opm: AGATHA EN MARIA, zie o.a. JB 220661) is totaal vergaan ten zuid-oosten van de vlaggestok te Karang-Bolong (bij Cilacap). Van de lading is niets gered kunnen worden, daar het schip zeer spoedig na de derde stoot is volgelopen. Equipage en passagiers hebben alles verloren en zijn, ontbloot van het nodige, aan de wal gebracht.


27 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Men verneemt, dat de drijvende batterij NEPTUNUS, het vroegere linieschip de ZEEUW, tegen september buiten dienst zal gesteld worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

‘s Gravenhage, 24 junI. Zr.Ms. fregat met stoomvermogen ZEELAND, onder bevel van de kapitein ter zee, G. Fabius is gister van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken, ter opvolging zijner bestemming naar de West-Indiën.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 26 juni. Heden arriveerde alhier het nieuwgebouwde galjootschip (opm: kof) JANTINA ROELFINA, kapitein E.G. Broekema, groot 50 last en gebouwd bij T. Pik te Veendam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. W. Laman Trip, notaris te Groningen, zal op vrijdag 12 juli 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van Mejufvrouw de Wed. Bontekoe, aan de Groote Markt te Groningen, publiek worden verkocht: het Nederlandse kofschip DREWES ROMELING, groot 63 zeetonnen of 33 lasten. te Foxhol gebouwd in 1858, met deszelfs boot, staand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere gereedschappen, invoege hetzelve is bevaren geweest door T.G. van Lier en tot diens failliete boedel behorende, thans liggende en dagelijks te bezien in de Zuiderhaven, nabij de A-poortenbrug, te Groningen. Om dadelijk na de toeslag te aanvaarden. Nadere informatiën ten kantore van de notaris.
(opm: verkocht voor NLG 4.100; het schip kwam als JOHANNA onder de vlag van Hannover)


28 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 juni. Uit het Nieuwe Diep schrijft men van de 26e juni: Zr.Ms. stoomschip DJAMBI is heden van de werf naar de buitenhaven gestoomd en zal de 1e juli, naar men verzekert, naar Curaçao vertrekken. Bij het verhalen is een tros gesprongen, waardoor naar wij vernemen, een matroos zijn been heeft verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden ontving ik het treurig bericht, dat mijn geliefde echtgenoot Pieter Janzen, in leven gezagvoerder van het barkschip BROUWERSHAVEN, op 7 april j.l. aan boord van het fregatschip AMSTERDAM, kapt. G.F. Wiegmink, waar hij op 29 maart bevorens om geneeskundige bijstand te St. Helena was overgegaan, tot diepe droefheid van mij, mijn drie kinderen, mijn ouders, aanbehuwde moeder en verdere betrekkingen, aan een slepende ziekte in de ouderdom van 35 jaren is overleden. Wat ik en zijn betrekkingen in hem verliezen, zullen diegenen, die de overledende van nabij gekend hebben, best kunnen beseffen.
Maassluis, 8 juli 1861                        M. Janzen, wed. van der Gaauw
Door buitenlandse betrekkingen wordt deze advertentie eerst nu geplaatst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 22 mei. Het met schade binnengelopen Nederlandse barkschip CANTON, kapt. J. Kettler, van Rotterdam naar Java bestemd, heeft de reparatie geeindigd en zal eerstdaags de reis vervolgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 22 mei. Het in de Simonsbaai binnengelopen Nederlands schip (opm: bark) MARIA ADRIANA, kapt. Van der Held, van Java naar Rotterdam, heeft schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 mei. De gouvernements-schoener ANADYOMENE, gezagvoerder J.H. Vos, is afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 16 mei. Vrachten. De HENDRIKA is te Soerabaja bevracht à NLG 65 voor suiker en NLG 62.50 voor tabak naar Amsterdam. JOHANNES HENDRIKUS FERDINAND NLG 72,50 à 75 voor suiker, NLG 60 voor rijst, NLG 65 voor tabak, NLG 30 voor tin, NLG 95 à 100 voor arak, hier, te Tagal en te Samarang te laden naar Amsterdam. BATAVIER verkreeg NLG 55 voor suiker, NLG 60 voor rijst en NLG 100 voor arak te Samarang; NLG 60 voor tabak en NLG 100 voor arak te Soerabaja te laden naar Amsterdam. HENRICA (Nederlands) laadt hier à 60 $ cents per picol, rijst naar Macao. De GENERAAL MICHIELS werd bevracht om rijst te laden naar China à 55 $ cents per picol. SOERABAIJA PACKET laadt te Soerabaja tabak voor eigen rekening voor Amsterdam. TERNATE, in Nederland bevracht à NLG 80 voor tabak naar Rotterdam. KRIMPENERWAARD NLG 82,50 voor koffij, NLG 100 voor cassia, huiden en gutta percha te Padang te laden naar Amsterdam. HUIJDENCOPER, laadt hier suiker à NLG 67,50, rijst à NLG 60, arak à NLG 100 en huiden à NLG 85 voor Rotterdam. BUITENZORG laadt hier suiker à NLG 67,50 en voor rijst à NLG 60 naar Rotterdam. VAN GALEN bekwam NLG 67,50 voor suiker, NLG 60 voor rijst en NLG 100 voor arak van hier naar Amsterdam.
De volgende schepen zijn nog disponibel: de STAATSRAAD VAN DER HOUVEN, PRINS HENDRIK, DOGGERBANK.
De ZWALUW, ULYSSES, SOUBURG, GOUVENEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST en STAD ASSEN maken kustreizen.


30 juni 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juni. Volgens brief van kapt. D.L. Geerling, voerende het schip (opm: schoener) MARIA JOHANNA, van Port Lincoln naar Londen, in dato St. Helena, 14 mei, had hij op de reis veel storm en slecht weer doorgestaan en daardoor zeilen, rondhouten, verschansingen en een gedeelte van het paviljoen verloren en waardoor het stuurrad gebroken was. Te St. Helena had hij een noodrad doen maken en dacht de 15e dito van daar te vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 28 juni. Kapt. C. Zaal, voerende het schip (opm: brik) ANNA LENA, rapporteert van 8 tot 12 februari een orkaan doorgestaan te hebben, waardoor schip en tuig veel geleden en hij bramsteng, ra's en zeilen verloren heeft.


01 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Landscrona, 25 juni. De Nederlandse schoener THORBECKE, kapt. F.H. Witting, van Dantzig naar Leith, welke de 19e dezer alhier, na op strand gezeten te hebben, werd binnengebracht – zie NRC van 26 juni – zal morgen gelost worden. Alhoewel het schip lek is, gelooft men toch, dat er maar weinig van de lading beschadigd zal zijn.


02 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scheveningen, 1 juli. Voor zo veel bekend is heeft de storm, die gisteren uit het noord-noord- westen heeft gewoed, voor deze plaats geen schade veroorzaakt, maar verderop heeft dit weder verscheidene offers geëist. Een Nederlandse brik van de Noord langs deze plaats komend, is in de namiddag onder de gemeente Loosduinen, voor het zogenaamde Loosduinsche Slag gestrand en weinige ogenblikken daarna verbrijzeld. De equipage, die zich in de masten had begeven, is op één na, zijnde de stuurman, bij de ramp omgekomen. Deze heeft, gezeten op een stuk wrakhout, de wal mogen bereiken. Ofschoon de reddingboot van Loosduinen en ook die van Scheveningen met de meeste spoed naar de plaats des onheils waren vervoerd, viel er door de hevige branding aan geen redding te denken. De naam van het schip is de STAD VLISSINGEN; de lading bestond uit steenkolen, het kwam van Engeland en was bestemd naar Rotterdam. Onder de bemanning bevond zich een knaap van zeven jaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Loosduinen, 30 juni. Heden namiddag strandde alhier de te Rotterdam te huis behorende brik de STAD VLISSINGEN, kapt. Schaafsma, van Newcastle naar Rotterdam bestemd. Van de equipage is alleen de stuurman gered. (opm: zie ook NRC 040761)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juli. Het schip (opm: bark) POLLUX, kapt. H.P. Cruys, van Banjouwangie herwaarts gedestineerd, is in het Groot Noord-Hollandsch Kanaal aangevaren en heeft daardoor de stuurboordsboeg ingestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 juli. Het Nederlands stoomschip ANNA PAULOWNA, kapt. De Haan, van hier naar de Middellandse Zee, bij Kaap Spartel gestrand – als vroeger gemeld (opm: zie o.a. NRC 270461) – is volgens brief van Gibraltar van 22 juni, weer af en aldaar de vorige dag binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 juni. De op 27 dezer ter rede om order gearriveerde Nederlandse tjalk VROUW MARIA, kapt. H.A. Hoekstra, is heden binnen de haven gekomen en moet ten gevolge van broeiing der lading lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 juni. Heden nacht strandde bij Zoutelande de Deense schoener AUGUST, kapt. Masman, met tarwe van Kiel naar Antwerpen. Het schip is zwaar lek. Men bergt de lading. Bij het uitbrengen van een werpanker zijn twee man van de equipage verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 juni. Men gaat steeds voort de inventaris van de op Zoutelande gestrande Noorse brik SOPHIA MARIA te bergen. Schip en inventaris zullen weldra in publieke veiling worden gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 22 juni. Het Nederlandse schip (opm: schoener) FIVEL, kapt. J. Dommering, gedeeltelijk met hout beladen, alhier ter rede liggende, is heden voormiddag gestrand (opm: zie NRC 260661). De bemanning is een uur later gelukkig aan land gekomen en toen zij het schip verlieten, was er nog geen water in.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rügenwaldermunde, 26 juni. Het schip OSIRIS, kapt. Gramitz (opm: buitenlander), van Dantzig naar Antwerpen, is hier gisteren zeer lek binnengelopen. De lading wordt gelost om het schip te kielen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 juli. Door het Ministerie van Binnenlandse zaken is aan de heer Commissaris des Konings in dit gewest toegezonden een verrekijker, welke door de Britse regering is toegekend aan kapitein J.E. Boekhout, wonende te Oude Pekela, gezagvoerder van het Nederlandse schoonerschip ZEEMEEUW, van Veendam, als blijk van erkentenis wegens het redden der bemanning van de Britse brik MARIA, van South Shields, door genoemde kapitein in zinkende toestand ontmoet op hare reis van de zee van Azov naar Cork en het vervoeren naar Lissabon (opm: zie NRC 030461). Ook de kosten, hierop gevallen, zullen door de zorg van de Board of Trade worden vereffend. De verrekijker zal later door de zorg van het bestuur van de woonplaats van kapitein Boekhout worden uitgereikt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Na enige tijd tussen vrees en hoop te hebben verkeerd, heb ik eindelijk het voor mij en mijne drie kinderen zo treurige besluit moeten komen, dat mijn hartelijk geliefde echtgenoot, kapitein J.J. Mooi, in de ouderdom van 33 jaren, waarvan ik ruim 10 jaren met hem in de genoegelijke echt mocht verenigd zijn, met het kofschip, genaamd de ONDERNEMING, in de maand december van het vorig jaar van Newcastle vertrokken en bestemd naar Bremerhaven, zijn jeugdig leven met dat der gehele bemanning in de golven heeft moeten eindigen. Diep bedroefd, geef ik van dit voor mij zo smartelijk verlies kennis aan familie, vrienden en bekenden. (opm: zie ook PGC 160664)
Farmsum, 1 juli 1861                         A.H. Poort, wed. J.J. Mooi


03 juli 1861


  JB - Javabode

Banjoemaas. Ten vervolge van het voorkomende in ons nommer van 22 juni j.l. omtrent het verongelukken nabij Karang-Bolong (opm: Cilacap) van het Nederlandse barkschip AGATHA EN MARIA kunnen wij het volgende melden. Dit schip, door de Nederlandsche Handel-Maatschappij beladen met koffij, tin en kopergeld, verliet op de 17e juni j.l. des morgens te zes ure met de adsistent-loods aan boord de rede van Tjilatjap en bereikte omstreeks half twaalf uur des voormiddags het gat, toen het bij het omvaren van de hoek van Karang-Bolong stootte en onmiddellijk vol water liep. De equipage en de passagiers konden zich met achterlating van alles redden, doch van hetgeen het vaartuig inhield, heeft men niets kunnen bergen. Toen de eerste hulp kwam opdagen, waartoe na het horen der noodschoten de gezagvoerders van de ter rede liggende schepen en de havenmeester zich onmiddellijk naar de plaats van het onheil hadden begeven, was alles reeds verloren, dewijl het door de hoge zee en zware branding niet mogelijk geweest was, iets uit het volgelopen wrak te halen. Wellicht kan later, wanneer het wrak geheel uit elkander zal zijn geslagen, een gedeelte van het kopergeld en de tin door behendige duikers worden opgevist, doch voor het ogenblik zouden alle pogingen daartoe vruchteloos zijn.
Als passagiers bevonden zich op die bodem mejuffrouw Batten, de heer Ravelet, 7 gegageerde, 6 gepasporteerde en 6 gecondemneerde militairen.


04 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Als nadere aanvulling van onze berichten omtrent het vergaan van het brikschip STAD VLISSINGEN (opm: zie NRC 020761), gevoerd geweest door kapitein Schaafsma, kunnen wij, van een geachte zijde daartoe in staat gesteld, het volgende mededelen:
De STAD VLISSINGEN, zeilde de 24e juni met een lading steenkolen voor N.R. Gasfabriek alhier bestemd, van Newcastle en bevond zich zaterdag 29 juni des avonds naar gissing op de hoogte van de Goeree, toen een vrij hevige wind opstak, die het schip zwaar deed werken en het lek (dat zich een paar dagen vroeger geopenbaard had) onrustbarend deed toenemen. Men draaide die nacht bij, in de hoop van zondagmorgen een loods te zullen vinden, doch te vergeefs; de zondagmorgen brak aan, maar geen loods was buiten te zien. Het weer was al slechter en slechter geworden, met een dikke bezette lucht, en het lek steeds toenemende, zodat men besloot, om zonder loods naar binnen te gaan, daar men voorzag dat men met het schip geen nacht meer op zee kon blijven. Men wilde tot dat einde afwachten tot het water gewassen was en hield ten 2 uur namiddag af, met het doel de tonnen van het Goereese zeegat op te zoeken. Het weer was en bleef echter dik en toen men eindelijk (3 uur) land zag, bemerkte men dat het schip op 7 vadem water voor Scheveningen stond. Onmiddellijk werd meerder zeil gezet, om het van de kust af te prangen, doch bijna tegelijkertijd vlogen fok, stag en brikzeil uit de lijken en was men genoodzaakt op 5 vadem diepte de ankers te presenteren. Beide ankers vielen, het zware met 90 en het daagse met 74 vadem ketting uit, maar het schip terugdrijvende, raakte de grond en was korte tijd daarna een prooi van wind en golven geworden. De doodsstrijd van de kapitein en de equipage heeft dus enige uren geduurd. De eerste vooral moet dit, met het oog op het lot van een aanvallige jonge zoon, die hij voor het eerst bij zich aan boord had, nog zwaarder gevallen zijn. Men had tot het laatste toe voor dat kind de meeste zorg gedragen en het eindelijk, goed in zeilen gewikkeld, aan het want bevestigd. Toen uiteindelijk alle hoop verloren was en ieder op zelfbehoud bedacht moest zijn, greep de kapitein, op aanraden van zijn stuurman, naar enig voorwerp, om zich vast te houden en trachtte tegelijkertijd zijn kind mee te nemen. Het laatste gelukte hem, doch wat het eerste betreft greep hij mis, zodat hij met zijn kind ogenblikkelijk in de golven verdween en niet meer gezien werd. De stuurman op een gedeelte van het dek drijvende gebleven, zag allen in korte ogenblikken verdwijnen en hij alleen, dank zij de stoutmoedige zelfopoffering van de stuurman Arie van der Zwan van de Scheveningse reddingboot, mocht het leven behouden. Een van de lijken is gisterenmiddag te 's Gravesande aan wal gespoeld en door de stuurman herkend als te zijn dat van de matroos Barends. De weduwen van de omgekomen schepelingen zijn radeloos; één in hoogst zwangere toestand, wil volstrekt het lijk van haar man zo mogelijk nog zien en wordt alleen op aanraden van haar betrekkingen teruggehouden. De stuurman, ofschoon nog jong, heeft nu reeds 4 schipbreuken bijgewoond en was bij een vroegere gelegenheid een van de twee, zoals hij nu de enige geredde is van de gehele equipage. De reddingboot van Loosduinen en die van Scheveningen, welke laatste (zondagmiddag) van Scheveningen gegaan is, getrokken door 20 paarden langs het strand naar Loosduinen, konden ten gevolge van de hoge zee geen hulp bieden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam zullen, als lasthebbende van hun meesters, op dinsdag de 30e juli 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1856 gebouwde, gekoperd en kopervaste Nederlands barkschip EERSTELING, laatst gevoerd door kapt. F.G.L. Mann, volgens meetbrief lang 43 el 40 duim, wijd 7 el 29 duim, hol 5 el 26 duim, en alzo groot 740 tonnen of 391 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Haringvliet binnen deze stad.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 2 juli. Aangaande het kofschip ONDERNEMING, kapitein J.J. Mooi, thuisbehorende te Farmsum, in de maand december van het vorig jaar vertrokken van Newcastle vertrokken naar Bremerhaven, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 1 juli. Het te Pekela thuisbehorende kofschip JANTIENA, kapitein Horning (opm: JANTINA, vermoedelijk kapt. H. Horning, zie NRC 050761 en PGC 180761), van Langesund met hout bestemd naar Termunterzijl, is op de Ransel in de Eems gestrand, doch het volk is gered. De masten zijn door het schip gegaan en de kiel met verscheidene planken eronder weggeslagen, men is bezig tuigage en lading te redden.
Ook zit nog op de Ransel een galjootschip (opm: JOHAN, zie NRC 050761, mogelijk buitenlander), gevoerd door kapitein Ottens, mede met hout van Noorwegen komende.
Alsmede op de Eems, met verlies van masten en de gehele vleet en verder in geramponeerde toestand, het schoonerschip MARIUS, kapitein L. Hemmes, van Arensburg met rogge naar Schiedam bestemd. Deze heeft hulp bekomen van kapitein De Wall, voerende het kofschip ERNIE, die hem 20 mijlen op zee in die toestand heeft aangetroffen op zondag 30 juni, en die met het schip wilde opzeilen naar Emden. De loodsboot No. 2 bood tevens hulp aan en wilde het schip naar Delfzijl brengen, maar dit aanbod werd door de kapitein van de hand gewezen, had hij dat niet geweigerd, dan was hij reeds lang in de haven van Delfzijl geweest.


05 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newhaven, 1 juli. De Belgische schoener CLEMENCE, kapt. Bauwens, van Antwerpen naar Bilbao, is hier gisteren lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 juli. De schepen JANTINA, kapt. Horning, van Noorwegen naar Termunterzijl, en JOHAN, kapt. Otten, van dito naar Leer, zijn, volgens brief van Delfzijl van 2 juli, de 29e juni op de Ransel gestrand (opm: zie PGC 040761 en 180761). Men trachtte van beide schepen zo veel mogelijk de ladingen te bergen. De equipagiën waren gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 3 juli. Het Nederlandse schip ELISABETH HELENA, kapt. Strootman, heeft heden na geëindigde reparatie de haven verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 juli. Aangaande de volgende schepen heeft men sedert niets vernomen:
-  De Nederlandse tjalk VAN DIJCK EN VAN LANGWIJK (opm: VAN DIJKEN VAN LANGWIJK), kapt. B.S. Wienke, de 28e september te Newcastle zeilklaar naar Zwolle.
-  De Nederlandse kof ONDERNEMING, kapt. J.J. Mooi, in december van Newcastle naar Bremen vertrokken
-  De Nederlandse kof MIENA, kapt. J.R. van Laten, de 9e februari van Pillau (opm: Baltiysk) naar Tonsberg vertrokken (opm: zie PGC 150661).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Staats-Courant behelst de volgende vergelijkende opgave der schepen, waarvoor in de eerste zes maanden van 1860 en 1861 voor de eerste maal Nederlandse zeebrieven zijn uitgereikt:





































































































































































































































































































































1860























Soort der schepen

   Binnenlands

   Buitenlands

      Totaal



     gebouwd

    Gebouwd







Schepen

Lasten

Schepen

Lasten

Schepen

Lasten

Fregatten

2

780

-

-

2

780

Barken

1

395

1

119

2

514

Brikken

5

484

1

85

6

569

Schoeners

15

1.251

2

105

17

1.356

Brigantijnen

-

-

-

-

-

-

Galjoten

20

1.308

-

-

20

1.308

Koffen

4

192

1

82

5

274

Tjalken

9

294

-

-

9

 294

Smakken

-

-

-

-

-

-

Bomschepen

1

9

-

-

1

9

Stoomboten

-

-

3

294

3

294



57

4.713

8

685

65

5.398



















1861























Soort der schepen

   Binnenlands



   Buitenlands



      Totaal





     gebouwd

    Gebouwd







Schepen

Lasten

Schepen

Lasten

Schepen

Lasten

Fregatten

1

398

-

-

1

398

Barken

1

175

-

-

1

175

Brikken

1

110

1

99

2

209

Schoeners

18

1.512

-

-

18

1.512

Brigantijnen

-

-

-

-

-

-

Galjoten

12

691

-

-

12

691

Koffen

2

65

-

-

2

65

Tjalken

8

262

-

-

8

262

Smakken

5

160

-

-

5

160

Bomschepen

13

        202

-

-

13

                   202

Aakschepen

4

56

-

-

4

56

Stoomboten

-

-

1

161

1

161



65

3.633

2

260

67

3.892


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 juli. Het schip (opm: schoener) MARIUS, kapt. L. Hemmes, van Arendsburg naar Schiedam, is de 1e dezer op de Eems gepraaid, zijnde masteloos, ontramponeerd en hebbende ankers en kettingen verloren. Aangeboden adsistentie van de Loodsboot No. 2 was echter geweigerd.


06 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. In een vergadering van de aandeelhouders van de Zwolsche Stoomboot-Maatschappij de 3e dezer, is met algemene stemmen besloten tot het in de vaart brengen van meer snelvarende en minder diepgaande stoomboten. Tot uitvoering van dit besluit zal reeds bij de aanvang van de dienst in 1862 de stoomboot STAD ZWOLLE worden vervangen door een nieuw, aan gemelde vereisten beantwoordend stoomschip.
De hiertoe benodigde gelden zullen worden genegocieerd, en reeds staande de vergadering is voor een aanzienlijk gedeelte daarvoor getekend geworden.
Deze maatregel zal een snellere gemeenschap met Holland, waaraan meer en meer behoefte wordt gevoeld, daarstellen, en van welke behoefte de vervulling door middel van de spoorwegen nog in een verwijderd verschiet ligt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Gedurende de eerste zes maanden van dit jaar zijn in de stad Groningen ongeveer 28 nieuwe zeeschepen binnengekomen, welke allen in de provincie Groningen zijn gebouwd, waaronder 18 schoenerschepen, 7 galjoot- en 3 kofschepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Landscrona, 30 juni. De lading van het op 19 juni alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip THORBECKE, kapt. F.H. Witting, van Dantzig naar Leith bestemd, is geheel gelost en zonder schade. Het schip is boven water gekalefaterd en zal nu gekield worden, om de bodem te onderzoeken, daar men veronderstelt dat een gedeelte van de loze kiel en van de zinkhuid weg is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ibrail, 23 juni. De alhier gearriveerde Nederlandse schepen MEIKA JACOBA, van Amsterdam, en NEELTJE CORNELIA, van Liverpool, hebben beide schade, de eerste aan de lading suiker (opm: zie PGC 090761).


  JB - Javabode

In Nederland te houden veilingen van schepen en scheepsparten.
Te Dordrecht op 24 mei 1861:
-       het schip (opm: bark) JAN SCHOUTEN, kapt. J. Cooning Meijer, gebouwd in 1853, groot 381 lasten.
Te Amsterdam op 27 mei:
-       Het schip (opm: bark) SOOLO, kapt. P.C. van der Meulen, gebouwd in 1843, groot 349 lasten (opm: voor de sloop verkocht)
-       Het schip ANNA EN HELENA (opm: bark ANNA HELENA), kapt. P. Don, gebouwd in 1835, groot 125 lasten.
-       2/32e Part in het schip (opm: fregat) JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. C.N. Gorter, gebouwd in 1841 (opm: tewater 1841, bijlbrief 29 juli 1842), groot 537 lasten.
-       4/40e Part in het schip (opm: bark) ZAANSTROOM, kapt. R.L. Schaap, gebouwd in 1854, groot 324 lasten.
-       2/38e Part in het schip (opm: bark) ESTAFETTE, kapt. C.J. Oepkes, gebouwd in 1852, groot 224 lasten.
-       2/20e Part in het schip (opm: fregat) WILHELMINA, kapt. D. van Dale, gebouwd in 1857 (opm: tewater 1857, bijlbrief 1 april 1858), groot 261 lasten.
Te Rotterdam op 4 juni:
-       Het schip IJSSEL (opm: fregat YSSEL), kapt. C. Maarschalk, gebouwd in 1841, groot 291 lasten.
In Nederland geveilde schepen en scheepsparten.
Te Amsterdam op 14 mei 1861:
-       1/60e Part in het schip (opm: bark) TOLLENS, kapt. T. van Rossen, gebouwd in 1856, groot 370 lasten: NLG 375, opgehouden.
-       1/60e Part in het schip (opm: bark) HERMAN, kapt. M. van Velthoven, gebouwd in 1855, groot 370 lasten: NLG 130, verkocht.
-       5/64e Part in het schip (opm: bark) MACAO, kapt. J. Kroll, gebouwd in 1848 (opm: tewater december 1848, bijlbrief 5 maart 1849), groot 202 lasten: niet geveild.
-       3/32e Part in het schip (opm: bark) CANTON, kapt. J. Kettler, gebouwd in 1846, groot 207 lasten: niet geveild.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 30 juni. Het schip (opm: tjalk) VROUW MARIA, kapitein H.A. Hoekstra, van Gothenburg alhier binnen, is in de haven gekomen om de lading te lossen, wegens broei.


09 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 juli. Het schip CAESAR (opm: brik CESAR), kapt. A.D. de Jong, van hier naar Napels vertrokken, is met schade aan de stuurboordsboeg enz. te Alkmaar binnengelopen, zijnde in het Groot Noord-Hollandsche Kanaal aangevaren door het schip (opm: fregat) ADMIRAAL TROMP, kapt. J. van Tubergen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 8 juli. Zaterdag (opm: 6 juli) arriveerde alhier het nieuw gebouwde kofschip HENDRIK EN JANTJE (opm: galjoot, HENDRIK EN JANSJE), kapitein P. Korst, van Groningen, groot 50 last, gebouwd bij G. Bodewes, te Martenshoek. (opm: zie PGC 260961)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ibraila, 23 juni. Het schip (opm: kof) MEIKA JACOBA, kapitein R.A. Wielema, van Amsterdam, laatst van Constantinopel alhier aangekomen (opm: zie NRC 060761), lost de lading beschadigd uit. (Het bericht aangaande de ELSINA JANTINA was onjuist).
Het schip NEELTJE CORNELIA, kapitein Scholten, van Liverpool alhier aangekomen, heeft schade aan het schootijzer.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Snik of Schuitescheepje, groot 5 á 6 ton, met complete inventaris, alles hecht en sterk.
Te bevragen bij Jan Sinning, op de Cingel bij de Vijver te Leeuwarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekte Praam, zijnde een jaar oud, met zeil, fok, haken en bomen, zoals zij thans bevaren is, groot 20 ton. Te bevragen bij K.R. Slager, scheepstimmerman te Luinjebert en bij R.K. Slager te Lippenhuizen.


10 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 28 juni. Van het op 24 juni bij Dagoe gestrande schip GLORIA DEO, kapt. Gijlding, van Palermo naar Kroonstad bestemd, zijn 1.190 kisten china’s appelen alsmede het tuig geborgen (opm: waarschijnlijk buitenlander).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 8 juli:
-  Het stoomschip STAD AMSTERDAM, NLG 11.500. In slag NLG 1, koper C. Ament.
-  Het stoomschip ’S HERTOGENBOSCH, NLG 12.000. In slag NLG 1, koper C.S. Oolgaardt.
-  Het tjalkschip GEERTRUIDA, NLG 405. In slag NLG 1, koper J.F.L. Meijes.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op 's Rijks Werf te Hellevoetsluis op woensdag de 17e juli 1861, des middags ten twaalf ure, van acht voor 's Rijks dienst afgekeurde, doch tot andere diensten nog geschikt te maken kanonneerboten.
De voorwaarden waarop deze verkoping zal plaats hebben liggen vanaf heden ter lezing bij de Hoofdingenieur van gemelde werf, terwijl de vaartuigen twee dagen vóór en op de dag van de verkoping ter bezichtiging van gegadigden liggen.
De directeur en commandant van de Marine,          A.A. de Vries


11 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 juli. De vertrekdag van Zr.Ms. stoomschip DJAMBI is vastgesteld op de 15e dezer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malta, 2 juli. Het schip (opm: kof) JONGE WILLEM, kapt. J.J. Pieper, van Galatz naar Queenstown, is hier binnengelopen om een lek te stoppen.


12 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 9 juli. Het schip AUGUSTE, kapt. Masmann, van Kiel naar Antwerpen, op Zoutelande gestrand, is heden weder af en hier binnengebracht (opm: waarschijnlijk buitenlander).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende vier schepen:
Voor Rotterdam: TOLLENS, kapt. B.J. Verhagen.
Voor Amsterdam: ALIDA, kapt. P.H. Kievit; WILHELMINA, kapt. J.T. Ihnen, van Rotterdam.
Voor Middelburg: PAULINE, kapt. B.J. Post.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Vriesendorp, J.P.M. Boonen, E. Mauritz, A.C. van Wageningen Jr, P.J. de Kanter Jr, H. Boonen, D. de Jongh Wzn, J. Vriesendorp, B. de Witt en J. de Voogd Jr, makelaars, presenteren op maandag de 22e juli 1861, des middags ten 12 ure precies, in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn, over het marktplein, te Dordrecht, publiek te verkopen:
Het snelzeilend kopervast Nederlands barkschip, DE ZWIJGER, laatst gevoerd door kapt. P.P. Hoogland, volgens meetbrief lang 35 ellen 60 duim, wijd 7 ellen 3 duim, hol 5 ellen 44 duim, en alzo gemeten op 605 tonnen of 320 lasten, liggende aan de sleephelling bij Dordrecht, en breder bij de inventaris omschreven.
Nadere onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoor D. Schotman Dzn te Dordrecht.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Veerschip, groot 18 ton, zonder tuig, heel geschikt voor een Pot- of Matteschip. Te bevragen bij de beurtschippers te Garijp.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder Van Noord te Bolsward zal publiek, op aannemelijke voorwaarden, presenteren te verkopen: het wel onderhouden Hek Tjalkschip de VIER GEBROEDERS, groot volgens meetbrief 78 tonnen, met complete inventaris, thans liggende en te bezichtigen aan de Heerenwal nabij Heerenveen, en bevaren door O.I. de Vries.
Wie gading maakt, komt op maandag de 29e juli a.s, in het logement Het Rood Hert te Bolsward, bij de provisionele toewijzing, en de 3e augustus a.v. in de Stadsherberg bij H.P. Halarides aldaar, bij de finale toewijzing, telkens des namiddags ten 3 uren.


13 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 juli. De Nederlandse tjalk VIER GEZUSTERS, kapt. R.C. Wagemaker, van de Elve komende, is hier met broeiende lading binnengelopen en is bezig met lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lerwick, 8 juli. Het Nederlandse schip PEKELHARING (opm: visserman), schipper Boekhout, is de 3e dezer op een rots bij deze plaats vastgeraakt, doch kwam met hoogwater vlot en ging naar zee. Of het schade bekwam is onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wisby, 4 juli. De 1e dezer is bij Hablingbo (57º11’ N.B. 18º15’ O.L., westkust van Gothland) gestrand het Nederlandse kofschip ERNESTINE ALIDA (opm: galjoot ERNESTIENA ALIDA), kapt. J.H. de Vries, van Belfast naar St. Petersburg, bestemd. De bemanning is gered, maar het schip wrak.


  JB - Javabode

Advertentie. Op de vendutie van donderdag 18 juli zal alsnog worden verkocht voor het commissiehuis van J. Speet (opm: te Batavia) de schoener genaamd FATAHOOL HAIR, groot 25 koijangs, met deszelfs geheel complete inventaris, behorende aan de Arabier Said Ibraham bin Achmad Asrie.


  JB - Javabode

Het Nederlandse barkschip VRIENDENTROUW, kapt. D. Grevelink, is op zijn reis van Pasoeroean naar Batavia aan de grond gezeild op de klip van Pamanoekan en heeft een gedeelte der lading overboord moeten werpen om vlot te geraken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 juli. Eergister arriveerde hier het nieuw gebouwde schoonerschip THERESIA, kapitein J. Wekenborg Jzn, groot 110 last, gebouwd bij K. Bakker, beide te Sappemeer, en het nieuwgebouwde koftjalkschip COOP ROELF SIKKENS, kapt. H. Schaap, groot 50 last, gebouwd bij J. Bodewes, beide te Sappemeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van J. Piccardt, notaris, residerende te Hoogezand, zal op donderdag 25 juli, des avonds om 6 uur ten huize van logementhouder K.J. Neven te Hoogezand, publiek en à contant worden verkocht: het welonderhouden en snelzeilende galjootschip DANKBAARHEID, groot 90 ton, in de jare 1858 te Foxholsterbosch uitgehaald, met deszelfs complete inventaris. Gevoerd geweest door kapitein R.H. Kamphuis, van Sappemeer, thans liggende in Amsterdam, alwaar hetzelve dagelijks te bezichtigen is.
Adres bij de cargadoors, A. Spekman, aldaar.
J. Piccardt, notaris.


14 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hz, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, zullen op last van hun meester, op dinsdag 6 augustus 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepsmakershaven, wijk 1, No. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1855 gebouwde, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip, HERMAN, laatst gevoerd door kapt. M. van Velthoven; volgens meetbrief lang 38 el 60 duim, wijd 7 el 35 duim, hol 5 el 5 duim en alzo groot 639 ton of 338 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende aan de scheepstimmerwerf Prins Casimierus, van de heer F. Boelen, te Amsterdam.
Nog zullen afzonderlijk worden verkocht: Een chronometer, benevens enige zeevaartkundige instrumenten, boeken en kaarten.
Alsmede 1/64 aandeel in het barkschip WILLEM DE ZWIJGER, varende onder directie van de heren Hartog & Glazener.


16 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 14 juli. Het schip AUGUSTE, kapt. Massmann (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Kiel naar Antwerpen, alhier binnengebracht, na op Zoutelande gezeten te hebben, is op de helling gehaald, om nagezien te worden. De lading, beschadigd gelost, is voor circa NLG 12.000 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 14 juli. Het schip (opm: tjalk) VROUW MARIA, kapt. H.A. Hoekstra, van Gothenburg naar Brussel, alhier met verhitte lading binnengelopen, heeft gisteren de reis voortgezet.


17 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 juli. Vrijdag namiddag (opm: 12 juli) is door de schroefschoener FRANS NAEREBOUT van Vlissingen naar de Noord-Hinder gesleept het nieuwe lichtschip, bestemd om het aldaar gelegen hebbende vaartuig te vervangen. Nadat de verwisseling naar wens was afgelopen, is de FRANS NAEREBOUT met het afgeloste lichtschip in de dokhaven te Vlissingen teruggekeerd.


  JB - Javabode

Omtrent het stoten van het Nederlandse barkschip VRIENDENTROUW, in ons vorig nommer vermeld, kunnen wij nog mededelen, dat de klip van Pamanoekan ongeveer 4 geografische mijlen van de wal ligt, en wel zonder baken. De boei, daar vroeger aanwezig, is weggedreven of op een andere wijze daarvan verdwenen, zodat het vrezen staat, dat nog meer schepen het lot van de VRIENDENTROUW zullen delen, wanneer hier niet spoedig in wordt voorzien.


  JB - Javabode

De 3e juli is de Nederlands-Indische bark JANE, kapt. Meijer, voorheen genaamd ULYSSES, te Grissee aangekomen van Soerabaija. (opm: zie onder meer JB 190661)


  JB - Javabode

Nadat Zr.Ms. raderstoomschip ADMIRAAL VAN KINSBERGEN tot het ondergaan van de nodige herstellingen van Bandjermassing te Soerabaija was aangekomen, is die bodem met de 1e dezer tijdelijk buiten dienst gesteld.
De almede van eerstgenoemde plaats via Soerabaija naar Onrust gezeilde schoenerbrik REMBANG is door een commissie voor de verdere dienst afgekeurd en wordt met ultimo dezer finaal buiten dienst gesteld om daarna publiek verkocht te worden.
Zr.Ms. schroefstoomschip GRONINGEN, thans gestationeerd ter Westkust van Sumatra, heeft order bekomen om voor de terugreis naar Nederland gereed gemaakt te worden; dit laatste heeft bereids plaats gehad met Zr.Ms. schroefkorver PRINSES AMELIA, welke bodem in het laatst dezer maand van Soerabaija ter dezer rede (opm: Batavia) wordt verwacht.


  JB - Javabode

Aangekomen passagiers te Batavia van 13 tot 16 juli 1861.
Met de Nederlandse bark (opm: clipper-fregat) METALEN KRUIS, kapt. J.P. Zuurdeeg, de h.h. H. Ketje, C.W.A. Caradino, G.C. Nauta en mejufvr. F.H. van Kampen van Amsterdam.


18 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 16 mei. Het alhier van Maceio om order gearriveerde Nederlandse schip MACHTELDA BARBARA (opm: schoener MACHTILDA BARBERA), kapt. D. Kat, heeft anker, ketting en zeilen verloren en nog meer andere schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. Zr.Ms. stoomfregat DJAMBI is de 16e juli uit de haven gestoomd, en is, na een proeftocht gemaakt te hebben in het Marsdiep, op de rede van Texel en in de Noordzee, heden namiddag omstreeks 3 ure op de rede ten anker gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. Een brief uit Curaçao van 22 juni jl. aan de Utrechtsche Courant bevat het volgende bericht: Zr.Ms. stoomschip CORNELIS DIRKS is eergisteren met spoed naar Coro, haven van Venezuela, vertrokken, ter bescherming van de Nederlandse onderdanen aldaar tegen de vechtende partijen. De federalisten hebben de stad ingenomen en zich verder in de omtrek gelegerd. Zr.Ms. schoener SCHORPIOEN is hedenmorgen naar Suriname uitgezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 28 mei. Het op de 14e dezer alhier van Cardiff gearriveerde Nederlandse schip BERNHARD HERTOG VAN SAXEN WEIMAR heeft op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop veel slecht weder en in de Chinese Zee veel stilte ondervonden. Een maand dreef het voor stilte bij het eiland Caramatta. Een man van de equipage is op de hoogte van even genoemd eiland overboord gevallen en verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 19 mei. Het Nederlandse schip (opm: fregat) GRAAF VAN HEIDEN REINESTEIN, kapt. J. Wamsteker, 6 dezer alhier van Soerabaja gearriveerd, is bij het binnenlopen door de Chinese loods op de Twelve Foot Patch aan de grond gezet. Gelukkig was het laag water en kwam het schip spoedig en met weinig schade weer vlot. Zodra de lading gelost is, zal men het in dok halen om aldaar onderzocht te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Whampoa, 23 mei. De gezagvoerder van het op heden alhier gearriveerde Amerikaans schip MERMAID, rapporteert, dat hij bij Kaap St. James ten anker heeft zien liggen het Nederlandse driemast schoenerschip MARY GODDARD, kapt. J. Haring, van Saigon naar Macassar bestemd. De kapitein was ziek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 mei. In vrachten ging in de jongste 14 dagen weinig om. De stemming is echter zeer vast, en spoedig wordt een rijzing daarvan tegemoet gezien. De volgende Nederlandse schepen vonden emplooi:
VAN GALEN, 609 ton, à NLG 67,50 voor rijst en NLG 70 voor suiker naar Amsterdam, te Cheribon en hier te laden. JACOBUS MARTINUS, 391 ton, à NLG 65 voor rijst en NLG 75 voor suiker hier te laden naar Rotterdam.
Onbevracht zijn de Nederlandse schepen DOGGERSBANK, MARGARETHA JOHANNA, ALCOR, PRINS HENDRIK, KONING WILLEM III.
De ULYSSES, SOUBURG, GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST en STAD ASSEN maken kustreizen. De STAATSRAAD VAN DER HOUVEN was in Europa bevracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ternate, .. maart. Naar wij vernemen moet Zr.Ms. stoomschip PHOENIX, dat de 6e dezer alhier is gearriveerd, op de hoogte van Sumbawa enige dagen vastgezeten hebben met verlies van anker en kettingen, enz.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl zal op maandag 22 juli 1861, des voormiddags te 10 uur, bij het pakhuis het Entrepôt, te Delfzijl, publiek tegen contant geld verkopen: de geborgen tuigage van het gestrande Nederlandse kofschip JANTINA, gevoerd geweest door kapitein Horning (opm: zie PGC 040761) en bestaande in zeilen, ankers, kettingen, staand en lopend touwwerk, blokken, vaatwerk enz, alsmede het wrak zittende op de Ransel in de Eems.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het galjootschip DERKINA, bevaren wordende door K. Heins Jr, liggende in de Noorderhaven te Groningen, dagelijks te bezien. (opm: zie PGC 130861)
Nader informatiën bij Wijnne & Barends.


19 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 juli. Het schip (opm: bark) IDA MARIA DE RAATH, kapt. J.G. de Boer, van hier naar Napels vertrokken, is met schade aan tuigage te Alkmaar binnengelopen, zijnde in het Groot Noord-Hollandsch Kanaal in aanvaring geweest met het stoomschip BURGEMEESTER HUIDEKOPER.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een nieuw Schip, lang 16,472 el (58 voet), wijd 3,654 el (12 voet 10 duim), hol 1,588 el (5 voet 3 duim); bij P.W. Boorsma te Oostermeer.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden, sterk betimmerd, overdekt gewegerd Snikschip, met mast en gewicht, groot 17 ton; alsmede een bijkans nieuwe, zeer mooie snelzeilend boot met bezaantuig, lang 4,40 el, wijd 1,85 el, en hol 72 Nederlandse duim, bij O.L. Lantinga, scheepsbouwmeester te IJlst.


20 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. De 12e dezer is van de werf van de scheepsbouwmeester C.R. Vos te Delfzijl te water gelaten het galjootschip MARTHA, groot ongeveer 140 tonnen, gebouwd voor rekening van de heer J.R. Engelsman te Veendam, en gevoerd zullende worden door kapt. H.J. Zegelker. Onmiddellijk daarna is de kiel gelegd voor een galjootschip groot ongeveer 160 tonnen.


  JB - Javabode

Alhier (opm: Batavia) is de tijding ontvangen, dat het Nederlandse schip MAKASSER (opm: bark MACASSAR), kapt. C.M. de Boer, met steenkolen van Newcastle (opm: Australië) naar Batavia, in de Torresstraat totaal is verongelukt. De equipage is te Soerabaija aangebracht. (opm: zie JB 270761)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 19 juli. Gister arriveerde hier het nieuwgebouwde schoonerschip TJESKELINE EVERTS (opm: JETSKALINA EVERTS), kapitein P.T. de Jonge (opm: F.T. de Jonge), van de Wildervank, groot 110 last, gebouwd bij B.J. Drenth te Muntendam.


21 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 juli. Zr.Ms. stoomschip CYCLOOP vertrekt eerstdaags van Den Helder om het fregat ADOLF VAN NASSAU van Vlissingen naar aldaar over te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 18 juli. Het alhier gearriveerde schip (opm: schoener) NEWA, kapt. C.G. Holscher, heeft de voorsteng verloren.


23 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in het Nederlandsch Koffijhuis van J. Zahn te Dordrecht op maandag 22 juli:
-  Het barkschip DE ZWIJGER, groot 320 lasten, in veiling NLG 10.700 aan E. Kolij te Amsterdam, in slag NLG 11.000, dezelfde, voor een Engelse firma.
-  Chronometer voor NLG 115, kaarten en boeken voor NLG 21.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. Het schip (opm: bark) JUNO, kapt. H.W. Nicolay, de 22e april van Rotterdam te Melbourne aangekomen, lost de lading in beschadigde staat.


24 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 22 juli: het fregatschip AMAZONE NLG 20.000, in slag NLG 1; opgehouden.


  JB - Javabode

In Nederland te houden veilingen van schepen en scheepsparten.
Te Amsterdam op 10 juni 1861:
-  Het schip (opm: bark) ARGONAUT, kapt. J.P. Carst, gebouwd in 1858, groot 205 lasten.
In Nederland geveilde schepen en scheepsparten:
Te Dordrecht op 24 mei 1861:
-  Het schip (opm: bark) JAN SCHOUTEN, kapt. J. Cooning Meijer, gebouwd in 1853, groot 381 lasten: NLG 54.000, verkocht.
Te Amsterdam op 27 mei:
-  Het schip (opm: bark) SOLOO, kapt. P.C. van der Meulen, gebouwd in 1843, groot 349 lasten; NLG 18.100, verkocht.
-  2/32e Part in het schip (opm: fregat) JOHANNA MARIA CHRISTINA, kapt. C.N. Gorter, gebouwd in 1841, groot 537 lasten, NLG 1.020, opgehouden.
-  4/40e Part in het schip (opm: bark) ZAANSTROOM, kapt. R.L. Schaap, gebouwd in 1854, groot 324 lasten; niet geveild.
-  2/38e Part in het schip (opm: bark) ESTAFETTE, kapt. C.J. Oepkes, gebouwd in 1852, groot 224 lasten; niet geveild.
-  2/20e Part in het schip (opm: fregat) WILHELMINA, kapt. D. van Dale, gebouwd in 1857, groot 261 lasten; NLG 5.901, opgehouden.
Te Rotterdam op 4 juni:
-  Het schip IJSSEL (opm: fregat YSSEL), kapt. C. Maarschalk, gebouwd in 1841, groot 291 lasten; NLG 13.0000 verkocht.


  JB - Javabode

De 15e dezer is de Nederlands-Indische bark HONG LIONG, kapt. F.H. Reisiger, voorheen genaamd WILHELMINA COX, van Samarang naar Soerabaija vertrokken.


25 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, als lasthebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 13e augustus 1861, des middags ten twaalf ure, in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk 1, no. 499, publiek te veilen: het snelzeilend, gekoperd en kopervast Nederlands barkschip BROUWERSHAVEN, gevoerd door kapt. J.J. Bouman, volgens meetbrief lang 37 el 20 duim, wijd 6 el 78 duim, hol 5 el 34 duim, en alzo groot 599 tonnen of 316 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Westerhaven te Rotterdam.
Nog zal afzonderlijk worden geveild: een chronometer en een sextant. Het schip is het laatst voor de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht binnengekomen in december 1859.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Den Haag, 21 juli. Z. Majesteit heeft met de 16 augustus aanstaande het te Hellevoetsluis liggende stoomschip der tweede klasse BROMO en dat ter derde klasse SINDORO, liggende te Vlissingen, beide bestemd naar Oost-Indië. Het bevel over eerstgenoemde bodem is opgedragen aan de kapitein-luitenant ter zee J.M.J. Brutel da la Rivière en dat over laatstgenoemde bodem aan de luitenant ter zee van de eerste klasse J.M. de Jongh.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 24 juli. Gisteren arriveerde alhier het nieuwgebouwde schoonerschip JAKOBA PETRONELLA, kapitein W.A. Kramer (opm: JACOBA PETRONELLA, kapt. G.H. Kampen), van Sappemeer, groot 115 last, gebouwd bij W.C. Wildervank te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 juli. Volgens brief van kapitein A. van Oosteroom, voerende het schip JULIE CLAIRE, van hier naar Batavia, in dato 14 juli, bevond hij zich toen in goede staat zeilend op de hoogte van de Lezard, alles wel aan boord.


26 juli 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Turfscheepje, groot 20 ton, om dadelijk te aanvaarden. Te bevragen bij R. Monkel, Stadsroeper te Sneek.


27 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 23 juli, Het schip (opm: tjalk) HENDRIKA, kapt. H. Heins, van Bremen naar Groningen, is alhier op sleeptouw, lek en met verlies van anker en ketting, binnengebracht. Het moest lossen om te repareren.


  JB - Javabode

Tijdens het verblijf van Zr.Ms schroefstoomschip CITADEL VAN ANTWERPEN te Dehli (opm: hier is Dilly op Timor bedoeld, en niet Deli op Oost-Sumatra) zijn de schipbreukelingen van het in de Torres-straat verongelukte Nederlandse barkschip MAKASSER (opm: MACASSAR, zie JB 200761), kapt. C.M. de Boer, door de bevelhebber van dat stoomschip, de kapt.luit.t.zee G.P.J. Mossel, van het nodige voorzien en hebben daarna de reis met een particuliere stoomgelegenheid naar Java vervolgd. De twee sloepen, waarmede deze ongelukkigen Dehli hebben bereikt, zijn met de daarin nog aanwezige inventaris door de CITADEL VAN ANTWERPEN naar Ambon medegevoerd. Een derde sloep, waarin zich een stuurman en vier inlandse matrozen van genoemde bark bevonden, is op reis van de Torres-straat totaal verongelukt.


28 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 27 juli. Gisteren avond is hier ter rede gekomen Zr.Ms. stoomschip MERAPI, commandant kapt.t.zee Servatius, komende van Batavia.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 25 juli. De Nederlandse schoener (opm: kof) BORDEAUX, kapt. P. Gnodde, van Shields naar Caminha, is alhier lek binnengelopen (opm: zie NRC 310761).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 25 juli. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) ZEEMEEUW, kapt. J.E. Boekhout, van Shields naar Sevilla, ligt sedert de 14e dezer wegens contrariewind alhier ter rede.


29 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juni. De Nederlandsch-Indische Stoomboot Maatschappij heeft haar stoomschip KONINGIN DER NEDERLANDEN voor vijf jaren verhuurd aan de heer W. Cores de Vries.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juni. Vrachten, Nederlandse vlag. De VAN GALEN laadt hier suiker à NLG 67,50 en NLG 70, rijst à NLG 60 en arak à NLG 100, naar Amsterdam; de JACOBUS MARTINUS laadt hier naar Rotterdam, rijst à NLG 65, suiker à NLG 75 en gom elastiek à NLG 87,50; de KAREL AUGUST laadt te Passaroeang tabak à NLG 67,50 en suiker à NLG 70 naar Rotterdam; de KONING WILLEM III heeft 5.000 pic. suiker à NLG 82,50 naar Amsterdam geëngageerd, de DOGGERSBANK laadt te Padang rijst naar Macao of Hongkong à $ 0,65 per picol; de STAATSRAAD VAN DER HOUVEN was in Nederland gecharterd.
Ter bevrachting: Nederlands ALCOR en KONING WILLEM III.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Marine. Openbare verkoping. Op donderdag de 8e augustus 1861, op 's Rijkswerf te Hellevoetsluis, van de voor Zr.Ms. zeedienst afgekeurde brik AREND, liggende in het marine dok aldaar. De verkoping geschiedt bij inschrijving en op de voorwaarden, welke vanaf heden ter lezing liggen bij de hoofd-ingenieur van gemelde werf, alwaar tevens nadere inlichtingen kunnen verkregen worden, terwijl het vaartuig op alle werkdagen die de verkoping voorafgaan, van des morgens 10 tot des namiddags 4 ure zal te bezichtigen zijn. De inschrijvings-biljetten zullen de koopsom in schrijfletters moeten bevatten, op zegel geschreven en behoorlijk gesloten, uiterlijk des middags ten 12 ure van opgemelde dag ter secretarie van de directie moeten ingeleverd zijn, wordende na die tijd geen meer aangenomen.
Hellevoetsluis,                                                De directeur en commandant van de marine,
de 25e juli 1861                                              A.A. de Vries


30 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. Door het Admiraliteitshof te Londen is de 25e dezer aan de bemanning van elf vaartuigen voor hulp, verleend bij het stranden op Kentish Knock van het schip (opm: bark) BATAVIA, kapt. D. Doornbos Borchers, van Batavia naar hier, GBP 1.200, en voor het aan boord brengen van een anker en ketting en het aanwenden van pogingen om een Nederlandse loods te bezorgen aan het schip (opm: bark) MARIA VERONICA, kapt. T. Mulder, mede van Batavia op hier, GBP 400 toegekend geworden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amoy, 2 juni. Het Nederlandse schip (opm: fregat) GRAAF VAN HEIDEN REINESTEIN, kapt. J. Wamsteker, dat, als vroeger gemeld, bij het binnenkomen alhier aan de grond geraakte, is gedokt, en men heeft bevonden, dat het schip slechts onbeduidende schade aan de loze kiel bekomen en enige bladen koper verloren heeft.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 29 juli. Zaterdag arriveerde alhier het nieuw gebouwde galjootschip GRIETJE, kapitein R. Lukkien, groot 100 last, gebouwd bij G. van der Werff, beide te Veendam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 28 juli. De Groenlandsvaarder DIRKJE ADEMA, commandeur H.J. Wildst, is heden, na een afwezigheid van 5 maanden, in onze haven terug gekeerd. De gehele bemanning bevond zich in de beste welstand, maar de vangst is zeer slecht geweest, en bestaat slechts in 170 robben.


31 juli 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juli. De 28e juli kwam de Groenlandsvaarder DIRKJE ADAMA, commandeur H. Wildts, in Harlingen binnen na een afwezigheid van circa vier maanden. Ook deze keer kan de vangst als totaal mislukt beschouwd worden, daar er door deze bodem niet meer dan een paar honderd robben zijn aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 30 juli:
-  Nederlandse bark EERSTELING, groot 740 tonnen, NLG 55.300, verkocht.
-  Een chronometer, NLG 50, verkocht. Een dito, NLG 100, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 27 juli. De alhier lek binnengelopen Nederlandse schoener BORDEAUX (opm: zie NRC 280761), is begonnen met de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dartmouth, 28 juli. Het alhier van Rio-Grande gearriveerde Nederlandse schip (opm: schoener) ELISABETH HELENA, kapt. R. Coerkamp, is lek, hebbende bij het uitzeilen van Rio Grande gestoten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malta, 22 juli. Het schip MARIA, kapt. Ammann, van Galata naar Amsterdam, is de 19e dezer alhier binnengelopen om de lading te onderzoeken, die verhit schijnt te zijn. (opm: waarschijnlijk buitenlander)


  JB - Javabode

Advertentie. De ondergetekende, met de 1e augustus a.s. het scheepsbouw-etablissement alhier van de heren J. Lloyd & Co overnemende en voornemens zijnde de zaken onder dezelfde firma te continueren, neemt de vrijheid zich bij alle scheepsreders en gezagvoerders aan te bevelen. De aanwezige kiellichters en een steeds ruime voorraad van alle soorten van materialen en waarloze artikelen zullen hem in staat stellen aan alle aanvragen met spoed te voldoen.
Soerabaija, 25 juli 1861                                 D.H. Kramer


01 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Kapt. J.N.R.J. Bijl, voerende het stoomschip BORDEAUX, van hier te Bordeaux gearriveerd, is uitgaande in het Kanaal bij dik weder in aanzeiling geweest met een onbekend groot schip, dat hem op de bezaansmast inliep, het stuurrad brak en een gedeelte van de verschansing wegnam. Door het kappen van het tuig van de bezaansmast, waardoor deze overboord geraakte, kwam men spoedig vrij. Alle voorzorgen waren genomen om dergelijke ontmoetingen voor te komen en liet men met korte tussenpozen de stoomfluit horen, zodat niets dezerzijds verzuimd is, maar de naam van het schip te ontdekken was niet mogelijk, daar het spoedig uit het gezicht was.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Gedagvaard: Jan Jans Bijlholt, gedomiliceerd te Martenshoek, doch thans afwezig. Aangezien gedaagde Jan Jans Bijlholt opgemeld, in de jare 1852 met kapitein Jan Douwes Bies, gedomicilieerd te Winschoten, voerende het koopvaardijschip (opm: schoener) REGINA, de reis als zeevarende van Havanna heeft gedaan, bestemd naar Rotterdam.
Aangezien nog van dit schip, nog van deszelfs bemanning, sedert het vertrek van Havanna enig bericht is ingekomen en vermoedelijk in de Spaanse zee (opm: Golf van Biscaye) met man en muis is vergaan. (opm, zie AH 120353; in PGC 051261 werd deze dagvaarding herhaald; artikel sterk bekort)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl zal op maandag 5 augustus 1861, des namiddags te 3 uur in het logement van de Wed. Vos & Zn. te Delfzijl, publiek tegen contant geld verkopen: het extra snelzeilend te Schiedam thuisbehorend schoonerschip MARIUS, groot 99 ton, met deszelfs aanwezige inventaris, zoals hetzelve op een reis van Arendsborg naar Schiedam, in de haven van Delfzijl is binnengebracht (opm: zie PGC 040761) en door de scheepskapitein L. Hemmes is bevaren geweest.
Nadere informatiën te bekomen bij bij de scheepsmakelaar. J. van Delden, te Delfzijl.
(opm: het schip werd naar Norden verkocht en ging als VEREINIGUNG weer in de vaart)


02 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Simonsbaai, 14 juni. De Nederlandse oorlogsstoomboot AMSTERDAM, van Nederland naar Java bestemd, is alhier met verlies van grote mast en andere schade binnengelopen, hebbende de 10e dezer een hevige storm uit het noordwesten gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, zullen als last hebbende van hun meester, op dinsdag de 20e augustus 1861 in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, in 1857 gebouwde gekoperd en kopervast Nederlands barkschip ANTONIA GEERTRUIDA, laatst gevoerd door kapt. … (opm: S. de Boer), volgens meetbrief lang 40 el 20 duim, wijd 7 el 37 duim, hol 5 el 27 duim, en alzo groot 694 ton of 367 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven binnen deze stad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam, zullen als last hebbende van hun meester, op dinsdag de 27e augustus 1861,des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, no. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend, tot het vervoer van passagiers bijzonder ingerichte, gekoperd en kopervast Nederlands campagne barkschip JOHANNA GEERTRUIDA, laatst gevoerd door kapt. P. Flens Jzn, volgens meetbrief lang 41 el 55 duim, wijd 7 el 17 duim, hol 5 el 21 duim, en alzo groot 690 ton of 364 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Haringvliet binnen deze stad.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Haagsma te Sneek zal woensdag 14 augustus 1861, ’s voormiddag elf uur, aan de werf van D.D. van der Werf te Sneek, publiek, tegen gereed geld, verkopen: een van ouds bekend snelzeilend Jagt, genaamd de OTTER, groot volgens meetbrief 12 tonnen, lang over steven 8 Nederlandse ellen 4 palm, met deszelfs inventaris, bij biljetten omschreven; vroeger hebbende behoord aan wijlen de heer Berend Wouters.
Dadelijk te aanvaarden. Te bezichtigen daags voor de verkoop aan bovengenoemde werf.
(opm. LC 200861 meldt dat is geboden NLG 175)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. de Haan Sz, deurwaarder te Leeuwarden, zal op nader te bepalen plaats, dag en uur, presenteren te verkopen: een voor vier jaren nieuw gebouwd Tjalkschip, groot 96 gemeten tonnen, met staand en lopend want en complete inventaris, waarvan men genegen is een gedeelte der koopschat onder het verkochte te laten verblijven. Inmiddels kunnen des verkiezende meerdere schepen ter verkoop worden bijgevoegd, mits daarvan bij tijds aangave ten kantore van bovengemelde deurwaarder geschiedende.


03 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 augustus. Het schip (opm: kof) ALBERDINA, kapt. S.A. Wilkens, van Dantzig naar Amsterdam, is, na onder Riis-hoofd (opm: Rixhöft) stengen, ra’s en zeilen verloren te hebben, de 30e juli door het stoomschip REMBRANDT drijvende gevonden en te Pillau binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oporto, 31 juli. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) VRIENDSCHAP, kapt. J. van der Veen, van hier naar Londen, is bij Cabadello (opm: Cabedelo, 40º8’ N.B. 8º52’ W.L; Figueira da Foz) gestrand. De bemanning is gered en ook de lading zal men kunnen bergen, maar het schip zal weg zijn (opm: zie NRC 070861 en 140861).


  JB - Javabode

De 19 juli is het Nederlands-Indische schip MARIA, kapt. A.N. de Jong, voorheen genaamd JEANNETTE MARIA, van Soerabaija naar Grissee vertrokken. (opm: zie JB 230161)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Haïti, 4 juli. Het schip ST. VITUS (opm: brik SINT VITUS), kapitein H. Middel, uit Winschoten, op 26 juni van Para alhier aangekomen heeft 5 uren aan de grond gezeten, is nagezien, doch heeft slechts schade aan de loze kiel bekomen en enige bladen koper verschoven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dartmouth, 28 juli. Het schip  ELISABETH MARIA, kapitein Coerkamp (opm: schoener ELISABETH HELENA, kapt. R. Coerkamp), uit Dokkum, van Rio Grande alhier binnengelopen, hebbende op de baar van Rio Grande gestoten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Yarmouth, 27 juli. Het schip (opm: kof) BORDEAUX, kapitein P. Gnodde, van Shields naar Caminha, alhier lek binnengelopen, lost de lading.


04 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 augustus. Volgens brief van kapt. M. van Gijzel, voerende het schip (opm: bark) AMALIA AUGUSTA, van Akyab herwaarts gedestineerd, in dato St. Helena 28 juni, had hij op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop veel slecht weder doorgestaan en daardoor de fok, kluiver, een gedeelte van de verschansing en van het galjoen verloren en de stuurpen gebroken.


05 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 3 augustus. Het kofschip MENTOR, kapt. F.D. Rijf, met rogge van Nerva naar de Maas bestemd, heeft, volgens hier aangekomen telegram, in de Oostzee de masten moeten kappen, en is vervolgens nabij de Zweedse kust verongelukt. Het scheepsvolk is gered, doch het schip is geheel verloren. (opm: zie NRC 100861, 150861 en
Volgens een ander hier aangekomen bericht is het mede hier te huis behorende kofschip BORDEAUX, kapt. P. Gnodde, van Shields naar Caminha, te Yarmouth met averij binnengekomen.


06 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 augustus. Volgens brief van kapt. L.P. Wassenaar, voerende het schip (opm: bark) MARNIX, van hier te Buenos Aires aangekomen, had hij in de nacht van 2 op 3 juni een orkaan doorgestaan, die 4 uren had aangehouden en waardoor schade aan de tuigage was veroorzaakt. Het schip was echter goed dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 4 augustus. De Belgische schoener ANNA, kapt. Beekman, van Antwerpen naar Terragona, is hier lek uit zee teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 augustus. Het schip (opm: brik) JANNA ADRIANA, kapitein P. Franken, van hier naar Buenos Ayres, in het Nieuwe Diep liggende, is door het schip (opm: bark) KOOPHANDEL, kapitein A.M. Swarts aangevaren en heeft daardoor de grote bramsteng, brassen enz. verloren en schade aan de verschansing bekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

In den jare 1800 een en zestig, den dertigsten juli, ten verzoeke van Jantje Muis, zonder beroep, echtgenote van en ten dezen gesterkt door Sjoert Meijer, schipper, beide wonende te Groningen, kiezende ten dezen domicilie ten kantore van Mr. H. van Giffen, procureur, wonende te Groningen, zijnde bij beschikking der Arrondissement Rechtbank te Groningen, van de 11e maart 1861, bepaald, dat de verdere vereiste stukken zijn vrij van zegel en gratis zullen worden geregistreerd, heb ik Pieter Hekkema, deurwaarder bij de Arrondissement Rechtbank te Groningen, aldaar wonende, ten tweede male gedagvaard:
1:  Pietertje Harmens van Laten, weduwe Reinder Pieters Muis, schipperse, voerende het Nederlandse Tjalkschip, genaamd de VROUW PIETERTJE;
2:  Koenraad, Petronella en Albert Muis, kinderen van P.H. van Laten, weduwe R.P. Muis, allen wonende aan boord van gemeld Tjalkschip, gedomicilieerd te Groningen, doch thans afwezig;
Om na verloop van drie maanden na heden en bepaaldelijk op vrijdag den achtsten november 1861, des voormiddag te half tien ure, te verschijnen ter audiëntie van de Arrondissement Rechtbank te Groningen, zitting houdende te Groningen in de Oude Boteringstraat; ten einde:
Aangezien gedaagde, P.H. van Laten, weduwe R.P. Muis, opgemeld, met hare drie kinderen Koenraad, Petronella en Albert Muis, op den 23 juli 1858, met het door haar als schipperse bevaren wordende Tjalkschip, genaamd de VROUW PIETERTJE, uit Groningen zijn vertrokken en gemeld schip op den 25 juli daaraanvolgende bij Holwerd in Friesland is vergaan (opm: zie LC 300758) en naar alle waarschijnlijkheid bij die gelegenheid alle de bovengemelde zich op dat schip bevindende personen zijn omgekomen;
Aangezien er mitsdien termijnen zijn, om verklaring van rechtsvermoedens van het overlijden van voornoemde gedaagden te vragen en de requirante belang heeft, dat zulks door de Rechtbank worde verklaard en zulks wel sedert den 25 juli 1858;
Aangezien bij vonnis van gemelde Rechtbank van den 12 juli 1861 gewezen, gratis geregistreerd, aan de eiseres is verleend verlof tot het uitbrengen van een tweede openbare dagvaarding, uit te brengen op dezelfde termijn en op dezelfde wijze als bij beschikking van den 11 maart 1861 is gelast;
Aan voormelde Rechtbank, hetzij in persoon, hetzij door iemand van hunnentwege, van hun aanwezen te doen blijken, de gedaagden tevens aanzeggende, dat, ingeval noch de gedaagden, noch iemand voor hun op deze dagvaarding mocht opkomen en alzo niet van hun aanwezen mochten doen blijken, door de eiseres zal worden geconcludeerd, dat haar daarvan zal worden verleend acte en tevens verlof tot het doen van een derde openbare dagvaarding;
Ik heb tevens verklaard, dat Mr. H. van Giffen te Groningen, als procureur voor de eiseres zal occuperen en dit exploit gedaan door aanplakking van een afschrift aan de voorname deur van de audientiezaal van gemelde Rechtbank en aan het huis der Gemeente Groningen, en door overgave van een afschrift aan de Edel Achtbare heer officier van justitie bij meergemelde Rechtbank, die het oorspronkelijke met gezien heeft getekend, zullende deze dagvaarding geplaatst worden in de Leeuwarder Courant en in het Algemeen Amsterdamsch Handelsblad, als daartoe bij opgemelde beschikking van de Rechtbank aangewezen.
De kosten dezes zijn in debet NLG 4,75, (get.) P. Hekkema, deurwaarder.
Gezien en afschrift ontvangen 30 juli 1861.
De officier van justitie te Groningen, (get.) W. Albarda, Subit.
Geregistreerd te Groningen den 31 juli 1861, deel 72, folio 37, verso 3, houdende 1 blad, 1 renvooi (gratis).
De ontvanger, (get.) Gorter.
Voor eensluidend afschrift, Mr. H. van Giffen, procureur.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een wel onderhouden Boeijer, met geheel complete en nieuwe inventaris. Te bevragen bij J.H. van der Schaaf, timmerbaas te Grouw.


07 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oporto, 3 augustus. De Nederlandse schoener VRIENDSCHAP, kapt. Van der Veen, van hier naar Londen, welke 31 juli bij Cabadello (opm: Cabedelo, Figueira da Foz) strandde – zie NRC van 3 augustus – zit vol water en zal verkocht worden. De lading is min of meer beschadigd geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen op dinsdag de 6e augustus:
In het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam een lichterschip, genaamd DE JONGE WILLEM, om NLG 390 opgehouden.
In de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam:
-  Nederlands barkschip HERMAN, groot 639 ton, voor NLG 39.500 verkocht (opm: nieuwe scheepsnaam JOHANNA ELIZABETH, kapt. Neno Burhoven Junius).
-  Chronometer voor NLG 120, sextant NLG 10, barometer met thermometer NLG 10, water-thermometer NLG 5, simpisimeter (opm: sympisometer; gedeeltelijk met olie gevuld weerglas) NLG 10 en een partij kaarten NLG 22 verkocht; partij boeken NLG 25 en chronometer NLG 98 opgehouden; sextant NLG 51, barometer NLG 21 en verrekijker NLG 19 verkocht.
-  1/64 Aandeel in het barkschip DE ZWIJGER, voor NLG 575 en idem idem NLG 595 verkocht.
-  1/64 Aandeel in het barkschip JOSEPHA LOUISA, NLG 550 opgehouden; de andere niet geveild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 augustus. Gisterennacht is achter het Eijerland gestrand de Franse schoener FLEUR DE MARIE, met lijnzaad van Stettin naar Duinkerken bestemd. De equipage is gered.


  JB - Javabode

De heer De Jong, gezagvoerder van de Nederlands-Indische brik WILLIAM, heeft op zijn reis van Grissee naar Batavia opgevist de equipage van een inlands vaartuig, van Bandjermassing bestemd naar Sumanap, doch welk vaartuig op de reis derwaarts was lek geraakt en gezonken. De inlandse bemanning, 12 man sterk, had bereids gedurende zes dagen zonder eten of drinken in een zinkende sloep rondgedreven, toen zij door de hulpvaardige gezagvoerder van de WILLIAM van een wisse dood gered werd.


  JB - Javabode

In Nederland geveilde schepen en scheepsparten, te Amsterdam op 10 juni 1861:
-  Het schip (opm: bark) ARGONAUT, kapt. J.P. Carst, gebouwd in 1858, groot 205 lasten; voor NLG 46.601 verkocht.
-  Het schip ARGONAUT vaart thans voor de rederij N. Brantjes te Alkmaar en zal gevoerd worden door kapt. R.M. Donema. (opm: zie NRC 280561)
-  Het schip (opm: bark) JAN SCHOUTEN, de 24e mei in publieke veiling verkocht, vaart voor de rederij J.R. Veder & Zoon te Rotterdam. (opm: zie NRC 160561)
-  Het schip IJSSEL (opm: fregat YSSEL), de 4e juni geveild, is gekocht door de rederij E.R. de Boer. (opm: zie NRC 150561)
-  Het schip (opm: fregat) MARIA ELISABETH, kapt. K.J. Jonker, verkrijgt de Noorse vlag (opm: zie NRC 260361).


08 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Naar men verneemt, zal Zr.Ms. stoomschip MERAPI met de 25e dezer buiten dienst gesteld worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dordrecht, 7 augustus. Heden namiddag ten 5 ure is met het beste gevolg van de werf De Merwede, scheepsbouwmeesters de heren C. Gips & Zoonen, te water gelaten het nieuw gebouwd gekoperd clipperschip ORANJE NASSAU, gevoerd zullende worden door kapt. G. Strang van Hees, en gebouwd voor rekening van de rederij van de heren de Groot, Roelants & Co te Schiedam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 3 augustus. De kof ALBERDINA, kapitein J. Piebes, van Moss komende is met gebroken spil en verlies van ankers en kettingen in de haven gekomen.


09 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende 5 schepen:
Voor Rotterdam: WATERGEUS, kapt. W.H. Kramer.
Voor Amsterdam: LOUISE, kapt. P. Buys Jr; IJSTROOM, kapt. A. Hansen; BATAVIA, kapt. J.J. Prange van Rotterdam.
Voor Schiedam: NEDERWAARD, kapt. D. Kwakkelstein van Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Aangaande het te Dordrecht te huis behorende schip (opm: bark) EVA JOHANNA, kapt. H. de Boer, 14 januari van Banjoewangie naar Nederland (opm: Rotterdam) vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portsmouth, 6 augustus. De Nederlandse kof ZEEMEEUW, kapt. J.E. Boekhout, van Newcastle naar Sevilla, is hier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 7 augustus. De brik VENILIA (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Cadiz naar Buenos Aires, is 23 mei van 35º Z.B. en 36º W.L. geheel ontredderd door het volk verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Yarmouth, 5 augustus. Het schip ANNA ELIZABETH, kapt. Jones (opm: buitenlander), van Dordrecht naar Liverpool, alhier lek binnengelopen – zie ons vorig nommer – moest lossen om te repareren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en sterk Schip, met roef en dichte luiken, groot 16 ton, met zeilen en verder toebehoren, zoals het thans wordt bevaren; liggende in de Gracht te Harlingen.
Te bevragen bij C. Kromhout, bij de voormalige Franekerpoort te Harlingen.


10 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 augustus. Volgens bericht van Elseneur dd. 7 dezer was aldaar zwaar lek binnengelopen het Nederlandse barkschip ADMIRAAL METLIN, kapt. G. van de Velde, van Kroonstad naar Bordeaux bestemd (opm: zie verder NRC 110961).
Kapt. Van de Velde rapporteert 31 juli, op de hoogte van 't eiland Gothland, drijvende gezien te hebben het masteloos, verlaten en te Harlingen thuis behorende kofschip MENTOR, gevoerd geweest door kapt. Ryf, met gerst en rogge beladen, van Nerva naar de Maas, hetwelk hij getracht had op sleeptouw te nemen, doch hetwelk is mislukt. Zie aangaande dit schip de NRC van 5 augustus, onder Harlingen.


11 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig (opm: Gdansk), 7 augustus. Het Nederlandse kofschip ALIDA, kapt. Kroon (opm: deze combinatie schip-kapitein is niet gevonden), met een lading rogge van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Bremen bestemd, is alhier voor noodhaven binnengelopen.


12 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 10 augustus. Gisteren arriveerde alhier de nieuw gebouwde stoomboot DE ZWALUW, bestemd voor de geconcessionneerde dienst van de heer P. Meeter, tussen deze stad en Amsterdam. Naar een nieuw model gebouwd, waardoor zij tot de overtocht 1 ½ uur minder bezigt dan de bestaande boten, voldoet zij ook door haar sierlijke bouworde en de vele gemakken welke zij aanbiedt, aan alle vereisten. Maandagochtend (opm: 12 augustus) zal de dienst worden geopend en alsdan tevens een plezierreis gemaakt worden. De boot is gebouwd bij de scheepsbouwmeester F. Kloos te Alblasserdam, terwijl de machines zijn vervaardigd bij D. Christie te Schoonderloo, bij Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomboot DE ZWALUW. Opening van de dienst tussen Zwolle en Amsterdam; op maandag de 12e augustus a.s, met bovengenoemd nieuw elegant, snelvarend raderstoomschip.
Van Zwolle: maandag, woensdag en vrijdag, 's morgens 8 uur. Aankomst te Amsterdam vóór beurstijd.
Van Amsterdam: dinsdag, donderdag en zaterdag, 's morgens 11 uur 30 min, in directe verbinding met een diligence op Meppel.
De passagiersplaatsen worden te Zwolle en te Amsterdam afgegeven aan boord van de stoomboot. Ligplaats te Amsterdam aan de Nieuwe Stads-Herberg en te Zwolle aan de Roode Toren.
P. Meeter


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 9 augustus. Van de lading uit het schip FLEUR DE MARIE, kapt. Lortaux, van Stettin naar Duinkerken, op het Eijerland gestrand, zijn 300 zakken lijnzaad geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nerva, 3 augustus. De Nederlandse schoener FIVEL, die de 22e juni alhier strandde (opm: zie NRC 260661), is in publieke veiling verkocht.


13 augustus 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. J.H. Geertsema, notaris te Groningen, zal op maandag 19 augustus 1861, des avonds te 7 uur te Groningen publiek worden verkocht: het snelzeilend galjootschip DERKIENA, varende onder Hannover vlag, groot 68 ton. Met masten, staand en lopend want en verdere inventaris, gevoerd door kapitein K. Heins, thans liggend in de Noorderhaven te Groningen, Noordzijde. Te bezien zaterdag bevorens (opm: 17 augustus) en op de verkoopdag van 10 tot 16 uur. Inmiddels uit de hand te koop.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 augustus. Sedert donderdag l.l. (opm: 8 augustus) ligt in onze haven Zr.Ms. oorlogsbrik TERNATE. Hoe lang die brik hier zal vertoeven, is niet met zekerheid bekend.


14 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek van de Scheepsmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 13 augustus:
-  Nederlands barkschip BROUWERSHAVEN, groot 599 tonnen of 316 lasten, om NLG 19.400 verkocht.
-  Een chronometer No. 1 à NLG 125, een barometer No. 2 à NLG 24, een thermometer No. 3 à NLG 4, een chronometer No. 4 à NLG 25 en een dito No. 5 à NLG 53 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oporto, 7 augustus. Het schip VRIENDSCHAP, kapt. Van der Veen, van hier naar Londen, de 31e juli op Cabadello (opm: Cabedelo, Figuiera del Foz) gestrand (opm: zie NRC 030861), is voor ongeveer GBP 50 verkocht.


  JB - Javabode

Te Batavia ligt in lading naar Palembang de Nederlands-Indische schoener SEWOON, kapt. Sech bin Swie, voorheen genaamd PANGERANG MOH. SAH. (opm: op 25 augustus 1861 van Batavia naar Palembang vertrokken)


15 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 12 augustus. Omtrent het Harlinger kofschip MENTOR, kapt. Rijf (opm: kof, kapt. F.D. Rijf) – zie het telegrafisch bericht van 3 dezer (opm: NRC 050861) – kunnen wij nog het volgende mededelen:
Nadat het schip in hevige storm 's morgens te 9 ure op zijde gevallen en de lading, bestaande uit granen, overgeslagen was, heeft men de masten gekapt en reddeloos rondgedreven tot 's middags 4 ure, terwijl de equipage, 9 man en des kapiteins vrouw, elk ogenblik vreesden met het schip te zullen wegzinken. Gelukkig daagde toen het Amerikaans schip ADJUSTER ter redding op. Na veel moeite gelukte het allen te redden. Tevergeefs beproefde men het schip op sleeptouw te nemen. Na vier dagen liefderijke verpleging werden zij te Hudiksvall, werwaarts dit schip van Londen gedestineerd was, aangebracht. Van daar over Stockholm en Berlijn gereisd, zijn allen hier behouden aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nyborg, 13 augustus. De Nederlandse schoener NIEUWENDAM, kapt. J.J. de Jonge, van Cardiff met ijzer op hier bestemd, is de 10e dezer in een storm uit het Noordwesten bij Hatterriff gestrand en zit nog vast.


  AH - Algemeen Handelsblad

Zoutkamp, 12 augustus. Uitgezeild BROEDERTROUW, kapt. Zeven (opm: kof, ex-TROMP EN DE RUYTER; kapt. Harm Jacobs Zeven), naar Londen.


16 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 17 juni. Het alhier op 22 mei gearriveerde Nederlandse schip (opm: bark) STAD ASSEN, kapt. H.J. Haverbult, heeft schade en is aan de werf gehaald om die te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 30 juni. Vrachten. Tengevolge van het gering aantal disponibele schepen ging in de vrachten weinig om. De weinige charters die afgesloten werden tonen echter een belangrijke verhoging aan, waarin nog meerdere verbetering wordt tegemoet gezien.
Bevracht werden de Nederlandse schepen WAALSTROOM, 412 tons, NLG 67,50 per last voor tabak en NLG 70 voor suiker te Soerabaja te laden naar Amsterdam; ALCOR, 570 tons, NLG 30 voor tin, NLG 35 koperen duiten, NLG 70 suiker in zakken, NLG 115 arak, NLG 67,50 tabak te Soerabaja en NLG 75 voor tabak te Bezoekie naar Rotterdam; STAD ZIERIKZEE, 602 tons, NLG 70 voor rijst en tabak, NLG 90 huiden en NLG 115 arak te Soerabaja te laden naar Rotterdam. De KOERIER, 347 tons, werd te Sydney bevracht à GBP 3.3/6 per ton, om alhier te laden; bestemming geheim.
Onbevracht het Nederlands schip FRIESLAND 746 tons.
De GOUVERNEUR GENERAAL DUYMAER VAN TWIST is kustreizende.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 14 augustus. Zr.Ms. oorlogsbrik TERNATE heeft l.l. maandag weder onze haven verlaten om naar Hoorn te vertrekken.


17 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 13 augustus. Het schip (opm: 3-mast galjoot) CATHARINA JOHANNA, kapt. P. Tobiassen, van Nerva naar 't Nieuwe Diep, is hier gisteren lek en met andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig (opm: Gdansk), 13 augustus. Het Nederlandse schip (opm: schoener) FENNA HENDRIKA, kapt. J.H. Duit, de 6e dezer van hier naar Rotterdam vertrokken, is met overgeslagen lading uit zee geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio-Janeiro, (opm: geen datum). Het schip (brik) JOAN, kapt. P.A. Klein, van Rotterdam naar Buenos Aires, is alhier met gebroken roer binnengelopen (opm: onjuist, zie NRC 210861).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 25 juni. Het schip (opm: bark) PRINS VELDMAARSCHALK, kapt. D.L.  Immink, wordt te koop aangeboden.


  JB - Javabode

Soerabaija, 10 augustus. Men schrijft ons van Sumanap:
Voor een paar dagen kwamen hier aan de kapitein en de bemanning van de Engelse brik PRIMA DONNA, welk schip van Bali kwam en naar Singapore bestemd was met suiker, koffij, enz. Maar door misleiding der stromen en zware wind geraakte het schip vast op het in zee ver vooruitstekende rif van het eiland Ra-as en werd spoedig wrak. Gelukkig zijn bij deze schipbreuk geen mensenlevens te betreuren en waren schip en lading verassureerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 11 augustus. Kapitein D.H. Degenhard, voerende de Veendammer kof WICHERDINA, op 9 augustus alhier geankerd, bericht dat hij op de reis van Stockholm naar Antwerpen, een man der equipage heeft verloren, alsmede dat door hem vijf in Gotland thuisbehorende visserlieden bij een zware storm zijn gered, die hij te Bornholm aan land had gezet.


18 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Neufahrwasser, 13 augustus. Het barkschip CATHARINA JOHANNA, kapt. P. Tobiassen, van Nerva naar het Nieuwediep, is alhier met slagzijde en meer andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 16 augustus. Het te Veendam te huis behorende schip WUBBINA CATHARINA (opm: kof WOBBINA CATHARINA), kapt. P.P. Meijer, van Londen met een lading stukgoederen naar Riga bestemd, is op Laesoe gestrand. De lading is bijna onbeschadigd geborgen, doch het schip zal weg zijn.


19 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. Te Vlissingen is de 16e dezer in dienst gesteld Zr.Ms. raderstoomschip SINDORO, commandant luit.t.zee 1e kl. J.M. de Jongh.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nyborg, 15 augustus. De Nederlandse schoener NIEUWENDAM, kapt. J.J. de Jonge, welke 10 dezer op Hatterif strandde, is na ontlossing van een gedeelte van de lading vlot en hier binnengekomen. Het schip heeft zeer veel geleden (opm: blijft nog tot 1871 in de vaart).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 17 augustus. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) MARGARETHA, kapt. M.M. Kwint, van Gefle naar Hull, is alhier lek en met gebroken boegspriet binnengelopen. De lading ijzer moet gelost worden om te repareren. (opm: strandt echter in september bij Skagen, zie o.a. NRC 250961)


20 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 augustus. De oorlogsbrik VENUS, thans te Hellevoetsluis, zal naar Amsterdam worden opgesleept om aldaar te dienen voor kostschip van op te leiden matrozen in plaats van het transportschip DORDRECHT.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 18 augustus. Als een bewijs, dat er tussen deze stad en Amsterdam een grote overvoer van reizigers plaats heeft gehad, kan blijken uit het aantal passagiers dat gedurende de eerste 15 dagen dezer maand met de stoomboten HARLINGEN en FRIESLAND, van en naar hier is vertrokken; dit getal bedraagt ruim 2.020.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Verwer te Makkum zal op maandag de 26e augustus 1861, ’s namiddags 2 ure, in het Schippershuis aldaar, in het openbaar verkopen: een hecht, sterk en wel onderhouden overdekt Tjalkschip, genaamd de JONGE JAN, groot 24 tonnen, met deszelfs volledige scheepsinventaris, zijnde zeer geschikt tot velerlei gebruik, bevaren door Henne Douwes Alkema en liggende in de Krommesloot te Makkum. Te aanvaarden 8 dagen na de toewijzing.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekte Praam, met roef en luiken en complete inventaris, liggende bij Jan Alkema, scheepstimmerbaas te Makkum.


21 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. Vrijdag morgen (opm: 16 augustus) is te Hellevoetsluis in dienst gesteld Zr.Ms. stoomschip BROMO, commandant kapt.luit.t.zee J.M.I. Brutel de la Rivière.
Het op ’s Rijks werf alhier (opm: Hellevoetsluis) liggende schroefstoomschip DELFZIJL zal in het begin der maand oktober aanstaande worden in dienst gesteld met bestemming naar Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen:
In het Notarishuis aan de Geldersche Kade te Rotterdam op dinsdag 20 augustus:
-  de paviljoenkraak DE JONGE WILLEM. Voor NLG 270 verkocht.
In de zaal op de hoek van de Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 20 augustus:
-  de Nederlandse bark ANTONIA GEERTRUIDA, groot 694 ton, verkocht om NLG 56.000.
In de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag, 19 augustus:
-  het brikschip MARIJTJE HONIG, NLG 8.800. In slag NLG 700; koper A. Roland Holst (opm: een makelaar in opdracht van een Amsterdamse koper; nieuwe naam AURORA)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 17 augustus. De te Pekela-A te huis behorende kof HENDERIKA, kapt. R.R. Huisman, van Liverpool naar St. Petersburg, is gisteren een halve mijl ten noorden van Rönne gestrand (opm: zie NRC 220861).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rio Janeiro, 17 juli. Het Nederlandse schip JOHANNA, kapt. Swemer (opm: de bark JOHANNA, kapt. A.J.P.D. Swemmer), van Rotterdam naar Batavia (en niet JOAN, kapt. Klein, van Rotterdam naar Buenos Aires, als vroeger abusief gemeld), is alhier lek binnengelopen (opm: zie NRC 230861).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, P.J. van der Aa Gzn en P. Reineke, makelaars, zullen op maandag de 2e september 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris E. Baak, verkopen: een extraordinair welbezeild, gekoperd barkschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd: CELERITAS, gevoerd door kapt. G.A. Wagner. Volgens meetbrief lang 31 ellen, wijd 4 ellen 99 duimen, hol 4 ellen 54 duimen, en alzo gemeten op 312 tonnen of 165 lasten, liggende aan de werf Koning William, op de Hoogte van de Kadijk. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors de Wed. Jan van Wesel & Zoon.


  JB - Javabode

In Nederland te houden veilingen van schepen en scheepsparten:
Te Amsterdam op 28 juli 1861: het schip (opm: oorspronkelijk fregat, nu bark) AMAZONE, kapt. J. Abbink, gebouwd in 1852, groot 229 lasten.
Te Rotterdam op 30 juli 1861: het schip (opm: bark) EERSTELING, kapt. F.G.C. Mann, gebouwd in 1856, groot 391 lasten.
Het schip IJSSEL (opm: fregat YSSEL), laatst in veiling verkocht aan de reder E. de Boer, is thans genaamd SAN SALVADOR en gevoerd door kapt. H. Munnix.
Het schip (opm: fregat) HERCULES, kapt. J.C. Siedenburg (opm: waarschijnlijk onjuist en is dit J. Schout), is uit de hand verkocht aan de reders Rutgers & Hissink, en thans genaamd TELANAK, gezagvoerder F.H. Popken.
Het schip (opm: bark) REIJERWAARD, kapt. W.J. Sablairoles, is uit de hand verkocht aan de rederij Bahlmann & Co en zal genaamd worden BERNARD EN AGNES, kapt. B. Ordeman.


22 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne (Bornholm), 14 augustus. De lading van het gestrande Nederlandse schip HENDERIKA, kapt. R.R. Huisman, van Liverpool naar St. Petersburg – zie NRC van gisteren – wordt gelost. Het schip zal weg zijn. (opm: kof, bouwjaar 1846; kapt. Rente Rentes Huisman)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Gisterenmorgen vroeg is voor de brug over het Zwarte Water bij Hasselt gezonken het kofschip ZELDENRUST. Hierdoor is de vaart voor stoomboten en schepen door die brug gestremd. De stoomboot van Zwolle op Amsterdam werd daardoor ook belet haar vaart te volbrengen, en ondervond bij het aanzienlijke getal passagiers, paarden en vrachtgoederen, die van Zwolle en verdere plaatsen moesten worden vervoerd, aanzienlijk nadeel. (opm: zie NRC 010961)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 augustus. Het hol van het gestrande schip FLEUR DE MARIE is gisteren op het strand verkocht voor NLG 500.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 20 augustus. Het Nederlandse schip (opm: schoener) JANTJE MEIJER, kapt. D.T. de Jonge, van hier naar Amsterdam vertrokken, is lek en met verlies van zeilen geretourneerd, hebbende zeer slecht weder ondervonden. Een man van de equipage is over boord geslagen en de kapitein gevaarlijk gewond.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Arendal, 10 augustus. De 7e dezer is alhier met enige onbeduidende schade tengevolge van aanzeiling binnengelopen de Nederlandse schoener ELSINA GEERTRUIDA, kapt. A.B. Mulder, van Wyburg naar Bordeaux bestemd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 augustus. Gister arriveerde hier het nieuw gebouwde tjalkschip CATHARINA, kapt. J. van der Meulen, van Groningen, groot 50 last, gebouwd bij J.K. Mulder te Sappemeer en heden het nieuw gebouwde schoonerschip TAMMO SIJTJE, kapitein J. Croon, van Groningen, gebouwd bij K. Bakker te Sappemeer, groot 175 ton.


23 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 augustus. Aangaande de averij van het te Rio Janeiro binnengelopen barkschip JOHANNA, kapt. Swemer (opm: kapt. A.J.P.D. Swemmer), van Rotterdam naar Batavia bestemd – zie NRC van 21 augustus – vernemen wij uit het rapport van evengenoemde gezagvoerder, dat het schip door het verlies van de grote mast genoodzaakt is geweest om te Rio Janeiro voor noodhaven binnen te lopen, en dus niet ten gevolge van een lek, zoals de Engelse bladen dit dezer dagen opgegeven hebben. Uit bovengenoemd rapport blijkt verder, dat de JOHANNA de 2e juni door een hevige storm belopen werd, vergezeld van een moeilijke hooglopende zee, waarin het schip zwaar werkte en dat er in de ijzeren grote mast, ca 3 voet boven dek, een breuk gekomen was. Onmiddellijk werd de mast met eiken platen gespalkt, doch desniettegenstaande nam de breuk hand over hand toe, en wel zodanig dat in de morgen van 4 juni de mast reeds voor 4/5 gedeelte af was en dat men duidelijk kon zien, dat het middelkruis zich begeven had. Alsnu werd in scheepsraad besloten om mast met stengen, ra's en zeilen, tuig enz. zo spoedig doenlijk over boord te kappen, om verdere onvoorziene rampen te voorkomen. Des morgens ten 10 uur ging men hiermede aan het werk en een kwartier later was men de mast met de vleet (opm: tuigage) kwijtgeraakt, zonder dat het schip daardoor enige beduidende schade bekomen had; terwijl men bij het peilen van de pomp bemerkte dat het schip goed dicht was gebleven. De JOHANNA was echter niet in staat om Java te bereiken en daar het in het jaargetijde waarin men zich bevindt, niet raadzaam was om de Kaap de Goede Hoop aan te doen, zo werd met gezamenlijk overleg besloten om Rio Janeiro voor noodhaven te kiezen, werwaarts men alzo de steven wendde en alwaar men de 17e juli aankwam. De 5e juni, toen het procesverbaal (waarbij wij bovenstaande getrokken hebben aan boord van de JOHANNA werd opgemaakt, bevond het schip zich op 36º49' Z.B. en 0º44' O.L.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Kofscheepje, met mast, blok en touwwerk enz, groot 12 ton. Te bevragen bij D.B. de Boer te Workum op de dagen zondag, maandag en donderdag van iedere week.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekte Praam met roef, lang over steven 5 el 9 palm 4 duim (36 voet), wijd 2 el 8 duim, gemeten op 9 ton, met zeil en verder toebehoren, oud 3 jaar. Te bevragen bij Keimpe G. Dijkstra, schipper te Beetgumermolen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris Goslings te Harlingen zal aldaar op woensdag de 4e september 1861, provisioneel, en woensdag de 18e september daaraanvolgend, finaal, telkens des avonds 7 uur, ten huize van de Groot in Benthem, publiekverkopen: een bijzonder gunstig gelegen scheepstimmerwerf, met 1 langshelling en 2 dwarshellingen, timmerschuur, pikhok en verder toebehoren, staande en gelegen aan de Trekvaart van Harlingen onder Almenum bij Harlingen, sectie A no 1055 (opm: kadastrale registratie), groot 24 roeden 59 ellen; thans in gebruik bij de eigenaar N. Pronk. Te aanvaarden de 12e november 1861.
(opm: LC 060961 meldt dat provisioneel geboden is NLG 1.133)


24 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juli. De (opm: bark) VRIENDENTROUW, kapt. D. Grevelink, van Bezoekie naar Nederland, heeft in de nabijheid van Pamanoekan op een klip gestoten. Men moest 1.800 balen koffij over boord werpen om het schip vlot te brengen en men zal de verdere lading nu moeten lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 21 augustus. De brik JENNY, kapt. Nissen (opm: buitenlander), van Porto Cabello naar Nantes, is bij Haiti verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 21 augustus. De Antwerpse schoener EUPHRASIE, met een lading stukgoederen naar Dantzig bestemd, is alhier verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gibraltar,15 augustus. De stoomboot ENTREPRISE (ex ANNA PAULOWNA, van Amsterdam), welke de 17e januari bij Kaap Spartel strandde, daar verkocht (opm: zie o.a. NRC 270461), later vlot en hier binnen werd gebracht, is nagezien en zeewaardig gekeurd.


  JB - Javabode

Soerabaija, 17 augustus. De Engelse brik PRIMA DONNA, kapt. F.S. Deane, van Balie Ampenan met een lading rijst, koffij en tabak bestemd naar Singapore, is op het rif van Ra-as, nabij Tondok, vastgeraakt. Kapitein en equipage zijn behouden alhier aangekomen, doch van de lading heeft men niets kunnen redden. Het wrak is verkocht voor 600 dollars.


25 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 21 augustus. De Veendammer schoener REDITE, kapt. G.E. Hoveling, van Dantzig met hout naar Bilbao, is wegens ziekte van de kapitein uit het Kattegat geretourneerd.


27 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 juli. Vrachten zijn door totaal gebrek aan schepen belangrijk gestegen en daar slechts weinig disponibele schepen verwacht worden, is men algemeen vooreerst geen teruggang wachtende. Nederlandse vlag. De WAALSTROOM laadt te Soerabaja à NLG 70 en tabak à NLG 67,50 naar Amsterdam. De ALCOR laadt te Soerabaja tin à NLG 80, kopergeld à NLG 35; suiker in zaken à NLG 70, arak NLG 115; tabak à NLG 67,50 en te Bezoekie tabak à NLG 75 naar Rotterdam. De STAD ZIERIKZEE, laadt te Soerabaja rijst en tabak à NLG 70, huiden à NLG 90 en arak à NLG 115 naar Rotterdam. De KOERIER was in Sydney gecharterd om in Java te laden à GBP 3.3/6 per ton all round, bestemming onbekend. De FRIESLAND laadt te Padang koffie naar Amsterdam à NLG 105. De STAADSRAAD COMMISSARIS VAN EWIJCK laadt alhier, te Samarang en Soerabaja suiker à NLG 95 en koffij en tabak à NLG 90 naar Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. Men meldt van Texel, d.d. 25 augustus:
Heden ontvingen wij hier het droevige bericht, dat het Nederlandse barkschip PROTEUS, te Nieuwediep is binnengelopen, aan de kiel hebbende het lijk van wijlen zijn gezagvoerder A. Kikkert. Bij het Kaapse rif was het schip door een storm belopen; een geweldige stortzee had de kajuitkap, een gedeelte van de verschansing, enz. weggenomen en de volijverige en beminde gezagvoerder van het dek in de kajuit geworpen, waaruit men slechts zijn lijk te voorschijn haalde. Hij was een in alle opzichten ferm gezagvoerder, die de achting van zijn patroons in ruime mate deelde. Verliezen zijn troosteloze echtgenoot en vier kinderen een liefdevolle en zorgende man en vader, niet minder verliest het eiland aan hem: immers hielp hij altijd enige jongelingen aan de zeevaart, voor welke hij een leerzame en goedhartige gezagvoerder was.
(de PROTEUS, kapt. Bakker voor wijlen kapt. Kikkert, de 4e april van Soerabaija vertrokken, arriveerde de 25e augustus te Texel).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. Onlangs is te Winschoten door een aantal uitrusters, reders en boekhouders van ter koopvaardij varende zeeschepen een vergadering gehouden met het doel om bezwaren bij de hoge regering in te brengen ter zake van hun aanslag als zodanig in de patentbelasting. De administratie van 's rijks middelen in Groningen, is namelijk van oordeel, dat die aanslag, wat de rang van de gemeente betreft, niet naar de woonplaats van de reder behoort te geschieden, maar naar de plaats waar het schip in de loop van het dienstjaar binnen ons rijk mocht komen, zodat zij, ofschoon in gemeenten van de vijfde of zesde rang woonachtig, steeds zouden moeten betalen naar de eerste of tweede rang.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 15 juli. Het Nederlandse schip VRIENDENTROUW, kapt. D. Grevelink, van Passaroeang naar Amsterdam bestemd, is hier 11 dezer in averij binnengelopen, hebbende op het rif van Pamanoekan aan de grond gezeten. Men heeft 1800 balen koffij en 10 kisten koperen duiten over boord moeten werpen om het schip vlot te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 7 juli. De Nederlandse schepen (opm: bark) ULYSSES, laatst gevoerd door kapt. F.T.A. Möllinger, (ex OUD-ALBLAS, 416 last, gebouwd in 1836), en SICILIË (opm: schoener), laatst gevoerd door kapt. T.C. Schol  (116 last, gebouwd in 1848), zijn beiden alhier verkocht. Eerstgenoemde bedong NLG 23.000 en laatstgenoemde NLG 15.700. De SICILIË werd door de heer W. Cores de Vries alhier gekocht. (opm: zie JB van 210961)


28 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek van de Scheepsmakershaven en de Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 27 augustus: het Nederlandse campagne-barkschip JOHANNA GEERTRUIDA, groot 690 ton, om NLG 62.500 verkocht aan A. van Hoboken & Zonen. (opm: door de kopers genoemd AEOLUS)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. Het clipper fregat NOACH, kapt. P. Wierikx, toebehorende aan de rederij van de heer Fop Smit te Kinderdijk, dat 13 juli l.l. te Batavia arriveerde, heeft de reis van Brouwershaven naar Batavia in de buitengewoon korte tijd van 72 dagen volbracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. Aangaande de Nederlandse schooner RADBOUD, kapt. T.A. Ennen, medio februari van Philadelphia naar Wilmington vertrokken, en de Oldenburger schooner GERHARD, kapt. Töntjes, de 27e maart van Liverpool naar New York vertrokken; heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 25 augustus. Hedenmorgen is voor de Sloot aan de grond geraakt de Franse logger JEUNE ALPHONSE, kapt. Goid, met hout van Drammen naar Antwerpen bestemd; de equipage is door de postschipper de Waard gered en alhier aangebracht, maar het schip zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 24 augustus. De Harlinger schoener-kof VEREENIGING, kapt Stuit (opm: H.J. Stuut), van Skelleftea met teer naar Dordrecht bestemd, alhier ter rede liggende, is gisteren door een uit het Kattegat komende Engelse schoener aangezeild en heeft daardoor schade aan de boeg bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 11 juli. De Nederlandse bark BOMMELERWAARD, kapt. F.H.A. Loos, 27 juni van Swatow met een lading suiker naar Shanghai vertrokken, is op 3 mijl afstand van Swatow op een rots geraakt en was de 30e daaraanvolgende als totaal verloren te beschouwen. Het wrak werd voor $ 500 verkocht.
(N.B. Het schip BOMMELERWAARD, van de rederij Gerrit van Hoogstraten & Zn te Dordt, werd in 1854 gebouwd en was gemeten op 371 last.)


29 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 25 augustus. De Nederlandse kof CATHARINA ELISABETH, kapt. H.G. Pot, van Dantzig naar Harlingen bestemd, is hier wegens ziekte van de kapitein binnengelopen.


30 augustus 1861


  LC - Leeuwarder Courant

Ameland, 26 augustus. Gisteren nacht strandde bij zeer hevige storm en buitengewone hoge branding in de buitengronden dezes eilands het Noordse barkschip DIEPPE PACKET, kapitein L.M. Mörck, met een lading delen, van Christiania naar Dieppe bestemd. Zodra deze stranding bekend was, werd de reddingboot der Noord- en Zuid-Hollandsche Redding Maatschappij van Hollum, tegenover welk dorp het schip gestrand was, naar het strand gebracht, ten einde de redding der schepelingen te beproeven. Het schip was echter door de hoge branding, vooral op de voor hetzelve liggende buitenbank en door de bij en om het schip liggende drie overboord gekapte masten met stengen, ra’s, enz, niet te naderen. Nadat verschillende vruchteloze pogingen tot redding aangewend werden en nadat twee schepelingen gelukkig met de scheepsboot, door loodlijnen aan het schip verbonden, aan land gekomen waren, door welke loodlijnen men aan elkander gehechte trossen van het schip aan land kreeg, beproefde men langs die trossen de redding te beproeven, met het ongelukkig gevolg dat juist daardoor, door een ongelukkig toeval, zeer nabij het strand, de boot (opm: reddingboot van de NZHRM) vol water geraakte en omsloeg, waarbij de vijf daarin zijnde personen (allen gehuwd) hun graf in de golven vonden. De enige, die daarvan een chaphander (opm: scaphander, waterdicht pak) aan had, werd wel een ogenblik later daarop drijvende, op het strand gehaald, doch, onbegrijpelijk, reeds levenloos.
Kort daarna werden de twee nog aan boord zijnde schepelingen door de toen aangekomen reddingboot van Nes gered. (opm: zie ook PGC 310861 met een aantal aanvullingen op dit verslag)
(Van Harlingen wordt ons gemeld dat de bemanning aldaar dinsdag is aangekomen en gisteren met drie onderscheiden Noordse schepen naar Noorwegen vertrokken is.)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. G. Acker, deurwaarder te Leeuwarden, zal op donderdag de 5e september 1861, des namiddags 4 uur, bij Brouwer in het Schippershuis op het Vliet aldaar,in één zitting, tegen contante betaling, verkopen: het in goeden staat zijnde overdekte Schuitje, genaamd de TWEE GEZUSTERS, groot volgens meetbrief 33 tonnen, zodanig hetzelve twee dagen vóór en op de verkoopdag ter bezichtiging zal zijn liggende bij Douwe van der Werf, scheepstimmerman, op Schilkampen bij Leeuwarden (opm: zie ook LC 131261).


31 augustus 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Dezer dagen is te Keulen in een kwestie van réassurantie een proces gevoerd, waarvan de uitslag in hoge mate de aandacht heeft getrokken. De maatschappij Le Lloyds Belge had namelijk een assurantie gesloten op het schip CATEAUX-WATTEL, kapt. Nicaise. De Lloyd Belge ging daarop een réassurantie aan bij de Keulsche Maatschappij voor Réassurantie. De CATEAUX-WATTEL geraakte in de haven van Sydney in brand en werd geheel vernield. De Lloyds Belge betaalde aan de rederij de geassureerde som, maar toen zij van de Keulsche Maatschappij het bedrag van de réassurantie vorderde, weigerde deze te betalen. Tot dusver was de herverzekering een kwestie van vertrouwen tussen de maatschappijen onderling. De maatschappij van réassurantie betaalde aan de assurantie-maatschappij eenvoudig op vertoon van de kwitantie van de in de zaak betrokken rederij, behoudens het recht om desverkiezende te onderzoeken of de aangevraagde schade tot dat bedrag werkelijk geleden was. In het onderwerpelijk geval week de Keulsche maatschappij niet slechts van deze usantie af, maar wees tevens het aanbod van de Lloyds Belge om de zaak aan de beslissing van arbiters te onderwerpen, die dan te Antwerpen of te Parijs zouden bijeenkomen, van de hand, en verklaarde tenslotte dat men haar voor de rechtbank te Keulen tot betaling had te dagvaarden. De Lloyds Belge aarzelde niet het rechtsgeding te aanvaarden maar verloor het proces op grond dat de rechtbank zich verenigde met het bezwaar van de Keulsche maatschappij, luidende: “dat kapt. Nicaise nodeloos met de ontscheping van de lading had gedraald; dat dus de uitreis als geëindigd was te beschouwen vóór de brand uitbrak en dat indien de maatschappij van assurantie toch had gelieven te betalen, daaruit geen verplichting hoegenaamd voor de maatschappij van réassurantie voortsproot.” De zaak zelf had zich aldus toegedragen. Kapt. Nicaise was dadelijk na zijn aankomst te Sydney met de ontscheping van de lading begonnen. Toen een gedeelte van de lading ontscheept was, achtte hij het onvermijdelijk noodzakelijk om 50 ton ballast in te nemen, ten einde daardoor het schip in evenwicht te houden. Nu beweert de Keulse Maatschappij, dat de inneming van die ballast de voortzetting en voltooiing van de ontscheping heeft vertraagd en won op die grond het proces. Kapt. Nicaise verklaart evenwel, dat het lossen van de goederen onafgebroken voortduurde tijdens de ballast werd ingenomen en dat zelfs wanneer hij zich tussentijds niet van ballast had voorzien, de lossing niet voltooid had kunnen zijn vóór het uitbreken van de brand. Die verklaring werd de kapitein evenwel niet toegelaten in rechten af te leggen. Het hof van appèl heeft namelijk het aangeboden getuigenbewijs afgewezen, dat geen vertraging hoegenaamd in de ontscheping van de lading heeft plaats gehad en heeft het vonnis, in eerste instantie gewezen, zonder enig verder onderzoek van de feiten bevestigd. De Lloyds Belge kan alzo het bedrag van de réassurantie niet erlangen. (opm: zie NRC 120961 en 130961)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 29 augustus. De raad dezer gemeente heeft besloten in de door de directie der Zwolsche Stoomboot Maatschappij geopende geldlening ter bekostiging ener nieuwe stoomboot deel te nemen voor vijf aandelen, ieder van NLG 200.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 28 augustus. Het schip de (opm: galjoot) WELDAAD, kapt. J.S. Pik, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, is gisteren alhier met zware slagzijde, lek, met gescheurde zeilen en meer andere schade binnengelopen. Het moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 31 juli. Het Nederlandse schip (opm: bark) JOHANNA MARIA, kapt. L.J. Wilhelmie, van Batavia naar Rotterdam, is 12 dezer alhier lek binnengelopen, hebbende op de reis veel slecht weer ondervonden. Na circa 200 ton van de lading gelost te hebben, kwam heden het lek boven water en men zal nu overgaan om het schip tijdelijk te repareren. In een aanzeiling met het Bremer schip REINHARD, (opm: volschip, kapt. C.C. Timmermann), heeft de JOHANNA MARIA de kluiverboom verloren en nog andere schade bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Men schrijft ons uit Hollum, eiland Ameland d.d. 25 augustus. Heden morgen te 4 uur, bij stormweder uit het W.N.W, strandde tussen de kapen Hollum en Ballum, benoorden het Koudenburg, het Noorse barkschip DEEPE PACET of HVIDSTEEN (opm: DIEPPE PACKET, thuishaven Hvidsteen), kapitein Lars M. Morch, met gezaagd hout van Christiania (opm: Oslo) naar Dieppe bestemd. Deze schipbreuk gaat met de allertreurigste herinnnering voor de ingezetenen gepaard. Na herhaalde pogingen om het schip, dat zich in de hevige branding bevond, met de (ongeschikte) reddingboot van Hollum te naderen, hadden zich twee man der equipage in de jol van boord begeven, een lijn meebrengende, waarlangs men met de reddingboot de bark zou trachten te bereiken. Te 11½ uur stak die boot met de volgende vijf wakkere mannen, als Jan Iwes Visser, Piet Tjarks Visser, Albert Hendriks Visser, Siebe van der Laag en Bruin Pieters Mores, allen gehuwd en vaders van talrijke huisgezinnen (met uitzondering van de laatstgenoemde, slechts sedert korte tijd gehuwd), in zee en deden zij moeite, om langs de lijn het doel, de redding van de nog aan boord zijnde kapitein, twee stuurlieden en zeven matrozen, te volvoeren, doch doordien de lijn aan de wal niet strak was aangehaald, raakte de boot dwars in de branding en sloeg om, met het zielroerend en hartverscheurend gevolg, dat allen hun dood vonden in het kokend schuim der golven. Slechts het levenloos lichaam van een der slachtoffers (Jan Iwes Visser), stuurman der reddingboot, werd aan de golven ontrukt door enige moedige dorpsgenoten en aan de wanhopige echtgenoot en kinderen teruggegeven, van de andere omgekomenen zijn de lichamen nog niet gevonden.
Hernieuwde pogingen werden ter redding der scheepsbemanning, door de reddingboot van Nes, met 6 kloeke personen en onversaagde zeelieden bemand, staken zij te 12½ uur n.m. van wal en na herhaalde pogingen zonder lijn vruchteloos in het werk te hebben gesteld, gelukte het hun eindelijk met de lijn het barkschip te bereiken en te midden van de nog altijd woedende branding allen aan boord te nemen en behouden aan wal te brengen. Van schip en lading is niets bepaalds op te geven, vermoedelijk zal het laatste grotendeels kunnen worden geborgen. (opm: zie ook LC 300861)
Om de verslagenheid en wanhoop bij de beklagenswaardige familiebetrekkingen, die zonder middelen van bestaan en in deerniswaardige toestand achterblijven en het algemeen gevoel van verplettering over de plotselinge dood dier edele menslievende en kloeke mannen te beschrijven, gevoel ik mijne krachten te zwak, alleen het hart is vatbaar voor smartelijke aanwenningen, beseft de grootheid der treurmare en de ellende der nablijvende bloedverwanten in al haar omgang. Als ooggetuige van dit ontzettende toneel kan ik vol ontroering de waarheid bevestigen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 24 augustus. Het schip (opm: kof) VEREENIGING, kapitein H.J. Stuut, van Skelleftea naar Dordrecht, is alhier met schade aan de romp, wegens aanzeiling binnengelopen.


01 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 30 juli. Het schip REINHARD, kapt. Timmerman, 9 dezer alhier van Akyab gearriveerd, heeft op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop veel slecht weer ondervonden, waardoor het een klein lek bekwam en genoodzaakt was 300 balen rijst over boord te werpen.
In de aanzeiling met het Nederlandse schip (opm: bark) JOHANNA MARIA – zie ons nommer van gisteren – heeft de REINHARD (opm: volschip REINHARD, kapt. C.C. Timmermann) vrij belangrijke schade aan stutten en verschansing bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 augustus. Heden is van de werf de Haan van de scheepsbouwmeester J. Boelen Jr.zn, te Amsterdam met goed gevolg te water gelaten, het brikschip GOUVERNEUR NAGTGLAS, bestemd voor de vaart op de Westkust van Afrika, onder directie van de heren Herklots en Bouman aldaar, en werd daarna de kiel opgehaald voor een nieuw te bouwen schip van ongeveer gelijke grootte, insgelijks bestemd voor de vaart op de Westkust van Afrika, onder dezelfde directie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 31 augustus. Heden is alhier van de werf van de scheepsbouwmeester J. Smit Czn met het beste gevolg te water gelaten, het clipper fregat schip INDIA-PACKET, groot 400 lasten, bestemd voor de grote vaart, voor rekening van de heren Gebr. Hendrichs en Co te Amsterdam en gevoerd zullende worden door kapt. G. Diepering.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 26 augustus. Heden is alhier op strand gevonden een naambord waarop met vergulde letters: GEERTRUIDA (opm: zie NRC 060961).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 30 juli. Het Nederlandse schip (opm: bark) HENRIETTE GERARDINA SUZANNA, kapt. A. Sissingh, dat 12 dezer alhier van Akyab arriveerde, is op de rede aangezeild door het Engelse schip STAR OF PEACE, en heeft daardoor schade aan verschansingen, stutten enz. bekomen. Na een en ander hersteld te hebben, heeft het schip heden de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Helena, 30 juli. Het Nederlandse schip CHRISTINA EN JEANNETTA (opm: fregat CHRISTINE EN JEANNETTE), kapt. N. Rademaker, van Batavia naar Amsterdam, 15 dezer alhier aangekomen en 2 dagen later weer vertrokken, heeft op de Kaapse Rif zware stormen doorgestaan, en aldaar een stortzee over gekregen, waardoor de stuurboords-verschansing en stutten gedeeltelijk zijn weggeslagen en meer schade veroorzaakt is. Het schip is echter goed dicht gebleven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zwolle, 29 augustus. De voor de brug van Hasselt gezonken kof, geladen met steenkolen voor de gasfabriek alhier, is gisteren met de lading in publieke veiling alhier verkocht voor de som van NLG 301. (opm: zie NRC 220861)


02 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 31 augustus. Een treurig ongeval had gisteren voor de haven van Harlingen plaats. De enige zoon van kapt. F.D. Rijf, die onlangs zijn schip MENTOR in de Oostzee verloor (opm: zie NRC 050861 en PGC 070961), varende op het kofschip REMELIA GEERTRUIDA, kapt. W.A. Katoen, werd over boord geslagen en kwam jammerlijk in de golven om.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Zr.Ms. stoomschip AMSTEL, te Nieuwediep, heeft gisteren een proeftocht gedaan, welke aanvankelijk heeft voldaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Glückstad, 30 augustus. Het Nederlandse schip JOHANNES, kapt. Bohn, van Koningsbergen naar Amsterdam, is alhier met broeiende lading binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hongkong, 11 juli. Het Nederlandse schip BERNHARD HERTOG VAN SAXEN WEIMAR, kapt. C.J.J.M. Gilbert, 27 juni van hier naar Batavia vertrokken, is heden uit zee geretourneerd, hebbende in Straat Formosa een hevige storm doorgestaan, waarin men een groot aantal zeilen en touwwerk verloren heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia en Soerabaja ligt te Rotterdam in lading mede voor passagiers, waartoe hetzelve uitmuntend is ingericht, het Nederlandse nieuwe op zeilage gebouwde gekoperde clipper-fregatschip DAGERAAD, kapt. J.R. Ulrich, voerende een bekwame scheepsdokter en hebbende een melkgevende koe aan boord. (opm: eerste reis)
Adres bij de bevrachters 't Hoen, Hudig & Co en de cargadoors Hudig & Pieters.


03 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. Het Franse schip JEUNE ALPHONSE, kapt. J. Garo, van Drammen naar Antwerpen, voor de Sloot gestrand is (opm: zie NRC 280861), volgens brief van 't Vlie van de 31e augustus, de vorige dag geheel verbrijzeld, doch het grootste deel van de lading geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. Volgens brief van kapt. A. Viëtor, voerende het schip (opm: bark) ANTOINETTE SERAPHINE, van Soerabaja herwaarts gedestineerd, de 15e juli te St. Helena binnengekomen, had hij op de hoogte van de Kaap de Goede Hoop veel slecht weer doorgestaan en daardoor de sloep, het potdeksel en verschansingen verloren en lekkage in de roerkoker (opm: hennegatskoker) bekomen, een en ander was echter in drie dagen gerepareerd en had hij de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Termunterzijl, 30 augustus. Werd men bij het naderen van de kof CATHARINA, van Appingedam, bedacht op enig voorgevallen ongeluk, daar dit schip de treurvlag had gehesen, bij het binnenkomen werd die vrees bewaarheid, toen men vernam dat de gezagvoerder van die bodem, genaamd J. Feiken (opm: waarschijnlijk L.J. Feiken) in de nacht van 28 op 29 dezer in de Noordzee buiten boord was gevallen en ondanks alle pogingen om hem te redden, voor de ogen van de schepelingen in de diepte wegzonk, een treurende weduwe en hulpbehoevende kinderen achterlatend.


04 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkoping in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 2 september: het barkschip CELERITAS: NLG 10.350. Verkocht aan P. Reineke (opm: vermoedelijk in opdracht van James Barge en anderen, Amsterdam).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 3 september. Het Nederlandse schip NEWA, kapt. Hölscher (opm: schoener, kapt. C.G. Holscher), van Londen met stukgoederen naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is alhier gestrand. De bemanning is gered. (opm: zie NRC 110961)


06 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 september. De Nederlandsche Handel-Maatschappij verlangt scheepsgelegenheid naar Soerabaija voor een ijzeren schepraderstoomboot met machine, te bezichtigen aan de fabriek te Fijenoord. De aanbiedingen moeten geschieden op 18 september. De toewijzing zal de 25e daaraanvolgende plaats vinden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 3 september. Het op Schiermonnikoog aangespoelde naambord GEERTRUIDA, bevorens gemeld (opm: NRC 010961), is vermoedelijk van de Nederlandse kof ELISABETH GEERTRUIDA, kapt. Janknecht, de 24e augustus alhier binnengekomen, en wien alstoen dat gedeelte van zijn naambord over boord is geslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzn, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt te Rotterdam zullen als last hebbende van hunne meesters op dinsdag de 24e september 1861, des middags ten twaalf ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, Wijk 1, No. 499, te Rotterdam, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip ODILIA MARGARIETA, laatst gevoerd door kapt. F.W.H.P.J. Martini van Geffen, volgens meetbrief lang 36 el 50 duim, wijd 7 el 40 duim, hol 5 el 17 duim en alzo groot 627 ton of 331 lasten, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Vlugthaven binnen deze gemeente.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G. Boschloo te Heerenveen zal op maandag de 9e september 1861, ’s avonds 5 uur, ten huize van Sterk in de Terbandsterschans, publiek veilen: een Tjalkscheepje, de JONGE TRIJNTJE genaamd, groot 40 tonnen, met zeil en treil en complete inventaris, liggende in de Heerensloot, achter Nijerhaskerschans, bevaren door de weduwe Johs. Piers van der Veen.
(opm: LC 130961 meldt dat eerder geboden is NLG 500)


07 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Men meldt uit Hasselt, dat het kofschip ZELDENRUST de 3e dezer uit het vaarwater verwijderd is, zodat de scheepvaart bij de brug aldaar, sedert 14 dagen belemmerd, weder ongehinderd kan geschieden. (opm: zie NRC 220861)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 5 september. Wegens zware lekkage en verstopte pompen is hier hedenmorgen binnengekomen het alhier te huis behorende kofschip JOHANNA ELISABETH, kapt. O.J. Zwaal, komende met een lading teer van Uleaborg en gedestineerd naar Dordrecht. Het schip moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cowes, 4 september. Heden is alhier met verlies van fokkera en andere schade binnengelopen de Nederlandse bark EVERDINA ELISABETH, kapt. J.C. Siedenburg, van Rotterdam naar Melbourne bestemd. Het schip bekwam deze schade gisterenavond in een aanzeiling op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point) met een onbekende Zweedse bark.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stolpmünde (opm: Ustka) 3 september. De Nederlandse kof JANTJE, kapt. Ates (opm: galjoot JANTJE MARTENS, kapt. A.J. Ates), 29 augustus van hier naar Nederland vertrokken, is gisterenavond met gebroken roer uit zee geretourneerd (opm: zie PGC 100961).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 4 september. Van de alhier van de Nerva gearriveerde schoonerkof REMELIA GEERTRUIDA, kapitein W.A. Katoen, sloeg in het gezicht onzer haven een jongeling overboord en vond zijn graf in de golven. Hij was de enige zoon van kapitein Rijf, welke onlangs het schip MENTOR in de Oostzee verloor en nu een gevoeliger verlies betreurd.


08 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 september. Van de werf De Nachtegaal van de heren W. en A.H. Meursing te Amsterdam, is heden met goed gevolg te water gelaten het ijzeren barkschip PERTINAX, groot 212 gemeten lasten, bestemd voor de grote vaart, zullende gevoerd worden door kapt. W.E. Hageman, voor rekening der rederij J. Rahder & Co. Het ongunstige weer was oorzaak dat de toevloed van belangstellenden bij dit altijd belangwekkend schouwspel niet zo groot was, als zulks anders het geval zou geweest zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bussum (opm: vermoedelijk Büsum), 3 september. In deze omstreken is opgevist een naambord lang 8 en breed 5 duim; op de zwarte grond leest men met vergulde ingesneden letters MARGARETHA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 3 september. Kapt. H.G. Ploeg, voerende het schip (opm: kof)  HOUTHANDEL, van Memel (opm: Klaipeda) naar Harlingen, alhier gepasseerd, rapporteert dat hij op 55º N.B. en 15º 55' O.L. ontmoet heeft de Nederlandse tjalk ONDERNEMING, kapt. J.J. Bekkering, aan boord van welk vaartuig de gehele bemanning ziek was, terwijl de kapitein die op het halfdek lag, verklaarde dat hij, geheel buiten bestek was. Kapt. Ploeg heeft daarop een van zijn manschappen ter assistentie op de tjalk overgegeven en daar men zich op dat ogenblik voor de Rönne (Bornholm) bevond, zo gelooft kapitein Ploeg, dat het schip daar binnengekomen zal zijn. (opm: zie NRC 120961)


09 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 september. Van de scheepstimmerwerf Welgelegen, onder bestuur van de heren D. en L. Alta, is heden te water gelopen het schoenerschip (opm: brik) CORNELIS PIETER, groot 140 gemeten lasten, gevoerd zullende worden door kapt. A. Simonsz voor rekening der rederij Barend Visser & Zn. alhier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. De schepen AUKJEN (opm: kof), kapt. J.P. Teensma, ANNA EN ARNOLDINA (opm: schoener), kapt. D.H. van Wijk, beiden van St. Petersburg herwaarts gedestineerd, zijn, volgens telegram van Steilsund (Noorwegen) aldaar wegens storm binnengelopen; meer dan 50 schepen waren in de bijhavens liggende.


10 september 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cowes, 4 september. Het barkschip EVERDINA ELISABETH, kapitein J.C. Siedenburg, van Rotterdam naar Melbourne, is met verlies van fokkera enz. alhier binnengelopen, zijnde gisteravond bij Goudstaart (opm: Start Point) in aanzeiling geweest met een Zweeds schip.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 8 september. Gisteren werd alhier van de werf Welgelegen, van de heren D. & L. Alta, met het beste gevolg te water gelaten het nieuw gebouwde schoonerschip (opm: brik) CORNELIS PIETER, groot 205 ton of 108 gemeten lasten. Dit schone vaartuig is gebouwd voor rekening van het kantoor Barend Visser alhier en zal gevoerd worden door kapitein A. Simons.


11 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 september. Door de Nederlandse Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende vijf schepen:
Voor Rotterdam: DAGERAAD, kapt. J.R. Ulrich; BREDERODE, kapt. L. Kruymel.
Voor Amsterdam: ARGONAUT, kapt. R.M. Donema; Magdalena, kapt. J. Hoog; BATO, kapt. C. van den Burg (van Dordrecht).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 7 september. De Rotterdamse bark ADMIRAAL METLIN, kapt. G. van der Velde, van Kroonstad naar Bordeaux bestemd, welke 7 augustus alhier lek binnengelopen is (opm: zie NRC 100861) en waarvan de equipage toen weigerde de reis voort te zetten, is, nadat men aan beide zijden de watergangen voorzien heeft (opm: de huidgangen ter plaatse van de waterlijn heeft gerepareerd), en nadat de rederij de inhebbende lading aangekocht heeft, heden met nieuwe equipage en onder bevel van kapt. G. van Os, naar Dordrecht vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 5 september. Het alhier gestrande Nederlandse schip (opm: schoener) NEWA, kapt. C.G. Hölscher – zie NRC van 4 september – is vol water gelopen en als verloren te beschouwen. Van de lading is 1 vat cement, 1 baal gambier (opm: gambir, looizuurhoudend sap uit de gambir struik) en 1 vat olie onbeschadigd en 10 zakken cacao, 265 zakken guano, 160 ps huiden en de inhoud van 7 vaten koffie, beschadigd geborgen. Een en ander zal, met wat eventueel van dien aard nog geborgen mocht worden, 16 dezer verkocht worden. De bemanning heeft haar goederen gered en ook het grootste gedeelte van de inventaris is behouden.


12 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Enige dagen geleden (opm: zie NRC 310861) hebben wij gewag gemaakt van een assurantie-kwestie tussen de maatschappij Le Lloyd Belge, te Antwerpen, en de maatschappij van herverzekering te Keulen. Deze laatste maatschappij verdedigt zich thans in een zeer uitvoerig en gemotiveerd schrijven in de Précurseur (opm: Antwerpse courant). Daaruit blijkt dat zij de herverzekering slechts gesloten had voor de reis van Londen naar Sydney; dat de polis de bepaling inhield dat de réassurantie feitelijk ophield 21 dagen na aankomst van het schip, onverschillig of de lading al dan niet gelost was, en dat uit al de rapporten, alsmede uit de verklaring van de kapitein van de CATEAUX-WATTEL zelf blijkt, dat dit schip 46 dagen na de aankomst te Sydney is verbrand, zodat de maatschappij van réassurantie toen reeds 25 dagen van alle verantwoordelijkheid was ontslagen; blijkende het ten overvloede, dat de lading, toen het schip verbrandde, niet slechts, op een paar stukken ijzer na, geheel was gelost, maar dat de kapitein reeds een gedeelte van zijn retourlading had ingenomen. Het is op deze gronden, dat de rechtbanken te Keulen de Antwerpse assurantie-maatschappij in het ongelijk hebben gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men leest in de Java Bode: Ook het ministerie van koloniën schijnt bezield te zijn geworden van de ijver zich jegens Nederland en de koloniën verdienstelijk te maken door de uitbreiding van de koloniale civiele marine. Naardien echter de wijze waarop het ministerie van koloniën in de behoefte van de Indische marine voorzien heeft en de bijzonderheden van de daartoe gesloten koop niet volledig bekend zijn, veroorloven wij ons de navolgende vragen:
Is het waar dat het ministerie van koloniën in maart 1860 dit vaartuig heeft gekocht ter voorziening in de behoefte van een stoomtransportschip, geschikt tot overvoer van 600-900 man expeditionaire troepen?
Is het waar dat het ministerie van koloniën tot die aankoop door de Indische regering geenszins is aangezocht?
Is het waar dat de aankoop van de BONI en de JAVA ter ternauwernood is goedgekeurd?
Is het waar dat voor de HERTOG BERNARD aan de Amsterdamse Stoomboot Maatschappij is betaald een som van NLG 215.000 en aan de heer P. van Vlissingen voor reparatie-kosten nog NLG 13.000?
Is het waar dat dit vaartuig reeds in 1856 in Engeland is gebouwd en bestemd tot transportschip voor de Krim?
Is het waar dat het tot dat doel niet sterk genoeg is bevonden en van regeringswege afgekeurd ?
Is het waar dat het alstoen door de Amsterdamse Stoomboot Maatschappij is aangekocht voor NLG 110.000?
Is het waar dat het voorts zonder enige vernieuwing of herstel voor deze maatschappij heeft dienst gedaan in de Middellandse en Oostzeën?
Is het waar dat dit stoomvaartuig, bestemd om naar Indië te zeilen, in september 1860 is uitgelopen en kort daarop door slecht weer verplicht in Nederland binnen te vallen, zich opnieuw voorzien heeft van tuig en toebehoren?
Is het waar dat tussen het ministerie van koloniën en de heer P. van Vlissingen (directeur van de Amsterdamse Stoomboot Maatschappij ) is bedongen overvoer van de HERTOG BERNARD, ten koste van de maatschappij, doch voor risico van het Indisch gouvernement?
Is het waar dat deze kosteloze overvoer nader omschreven is in de navolgende contractuele bepalingen? 1e. De voor het vaartuig aangenomen machinisten en machine-personeel worden bezoldigd uit 's lands kas; 2e. Het vaartuig ontvangt een lading van circa 500 ton steenkolen tegen een vracht van NLG 30 per last; 3e. De bemanning zal na aankomst in Indië tegen hoge traktementen gedurende 1-3 jaren dienst doen en na ommekomst van die termijn met behoud van half traktement en op kosten van de lande naar Europa worden teruggevoerd.
Is het waar dat verreweg het grootste gedeelte van de machinisten en machine-personeel bestaat uit jonge lieden, afkomstig uit de fabriek van de heren P. van Vlissingen, welke in Indië voor de dienst niet zijn geschikt bevonden?
Is het waar dat de HERTOG BERNARD na aankomst in Indië is onderworpen aan het onderzoek van een Gouvernements Commissie?
Is het waar dat deze de inventaris geheel onvoldoende heeft bevonden, het vaartuig voor het vervoer van troepen is ongeschikt gekeurd en in een staat gevonden, die zelfs het breeuwen niet meer toeliet, en het stutten daarvan nodig maakte?
Is het waar dat voor de troepen licht en lucht ontbreekt en de inrichting voor de begeleidende officieren ten enenmale ondoelmatig is bevonden?
Is het waar dat het zeiltuig van het stoomschip bij averij aan de machine, niet in staat is aan zijn bestemming te voldoen?
Is het waar dat de ketel meer dan half versleten en volgens praktijk en theorie bevonden is veel te klein te zijn?
Is het waar dat deze binnen het jaar noodwendig behoort vernieuwd te worden?
Is het waar dat de heer van Vlissingen reeds bij de aflevering van het vaartuig de oplettendheid heeft gehad heeft, daartoe de nodige afmetingen te nemen?
Is het waar dat de eigening van het schip tot de dienst, waartoe het is uitgezonden en bestemd, een uitgave nodig maakt van NLG 70.000?
Is het waar dat de HERTOG BERNARD alzo bij de indienststelling kosten zal NLG 300.000?
Is het waar dat het alsdan zal kunnen overvoeren 300 in stede van 600-900 man expeditionaire troepen?
Is het waar dat het vaartuig met een machine van 180 paardenkrachten slechts een vaart loopt van 6 mijlen ?
Is het waar dat het ternauwernood ruimte heeft ter berging van steenkolen voor dienst van vier etmalen?
Is het waar dat het alzo slechts stomen kan een afstand van 144 mijlen?
Is dit alles waar? (opm: vanwege de duidelijkheid is de opmaak aangepast)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 9 september. Het schip LOUISE, kapt. Witt (opm: vermoedelijk buitenlander), van Taganrog alhier binnengelopen, heeft zwaar verhitte lading en moet gedeeltelijk lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mandal, 5 september. De kof HARMINA ANNEGINA, kapt. Jessen, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met erwten naar Rotterdam bestemd, is alhier met broeiende lading binnengelopen en moet lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 8 september. De Nederlandse schoener REDITE (opm: REDITO, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Bilbao, alhier binnengelopen, heeft gisteren haar reis voortgezet. Kapt. G.E. Hoveling is ziek achtergebleven en heeft het commando aan zijn zoon overgedragen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rendsburg, 9 september. Het schip GEERTJEDINA, kapt. Buhr (opm: buitenlander), van Koningsbergen met erwten naar Amsterdam, is alhier met broeiende lading binnengelopen en heeft gelost om de lading te behouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rönne, 3 september. De 29e augustus is alhier binnengebracht de Nederlandse tjalk ONDERNEMING, kapt J.J. Bekkering, van Dantzig met hout naar Bremen bestemd. De kapitein en zijn beide schepelingen zijn ziek alhier in het hospitaal gebracht. Het schip had van een ander Nederlands vaartuig (opm: de kof HOUTHANDEL) een man ter assistentie bekomen, die het hier binnen heeft gebracht. (zie NRC van 8 dezer)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 5 september. Het te Delfzijl te huis behorende kofschip WILHELMINA, kapt. J. Schuitema, van Frederikshald naar Delfzijl is zondag j.l. (opm: 1 september) bij Bovbjerg gestrand. Van de bemanning is de kapitein en een matroos gered, de overige drie man zij verdronken. Het schip is verloren, maar men hoopt de lading te bergen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Port Louis (Mauritius), 6 augustus. De bark JAN VAN SCHAFFELAAR, kapitein L.G. Verbeek, van Batavia naar Schiedam, is op 12 juli alhier binnengelopen, hebbende bij het Kaapse Rif zeer veel slecht weder en hoge zeeën gehad, waardoor de fokkesteng en het roer braken en het schip zwaar lek werd, zodat men 1000 balen koffie overboord moest werpen om het te lichten. Reeds is een gedeelte der beschadigde koffie verkocht, doch men denkt niet dat veel van de lading beschadigd zal zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Port Louis (Mauritius), 6 augustus. Het schip (opm: fregat) WILHELMINA LUCIA, kapitein D.R. Nolles, van Batavia naar Amsterdam is op 31 juli hier binnengelopen, hebbende zeer slecht weder en een hoge zee gehad, waardoor het schip zwaar lek werd, Fokke- en bezaansmasten braken en zeilen en ra’s en rondhout verloren gingen. Het schip moet lossen om te repareren.


13 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 september. Aan een ons welwillend medegedeelde brief uit Annapolis, gedagtekend 20 augustus j.l. aan boord van Zr.Ms. fregat ZEELAND, ter rede van Hampton (Noord-Amerika), ontlenen wij het volgende:
Gemeld fregat is ter rede van Hampton in de Chesapeake-baai, de 19e augustus gearriveerd en kreeg de volgende dag van de commandore van de vloot van de Noordelijke staten welke Annapolis geblokkeerd houdt, terwijl de confederisten rondom de stad liggen, verlof, om naar Annapolis te stomen. Bij aankomst van de ZEELAND op de rede van Hampton, wierpen de confederisten, die de ZEELAND voor een vijandelijk schip aanzagen, onmiddellijk batterijen op, doch op het hijsen van de Nederlandse vlag vertoonden zij onmiddellijk de witte vlag. Enige dagen te voren, was in die omtrek een slag geleverd, waarin aan weerszijden 4.500 man gesneuveld waren. De ZEELAND had geen voorspoedige reis gehad, veroorzaakt door veel tegenwind en zwaar weer, terwijl dat schip bovendien ook nog een storm had doorgestaan. Aan boord was alles wel; alleen heeft zich ook weer de oogziekte onder de manschappen vertoond, doch in geen kwaadaardige graad, daar zij gewoonlijk niet langer dan acht dagen aanhield. Zodra de commandant zijn zending naar Washington zou hebben volbracht, bestond het plan om spoedig naar Curaçao te vertrekken en daar station te houden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 september. Op het gisteren door ons vermelde schrijven van de maatschappij van réassurantie te Keulen, heeft de assurantie maatschappij Le Lloyds Belge bereids in de Précureur geantwoord. Haar betoog komt in hoofdzaak hierop neer, dat de herverzekering niet zou zijn gesloten op de door de Keulse maatschappij beweerde termijn, eindigende 41 dagen na aankomst van de CATEAUX- WATTEL te Sydney. De Lloyds Belge houdt staande dat was overeengekomen dat de réassurantie zou geldig blijven tot na de ontscheping van de lading in Australië en dat het bedrag van de herverzekering had behoren betaald te worden, aangezien er nog een gedeelte van de lading aan boord was toen het schip te Sydney verbrandde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 9 september. Het alhier van Akyab om order gearriveerde REINHARD, kapt. Timmermans (opm: volschip, kapt. C.C. Timmermann), is lek en heeft een gedeelte van de lading over boord geworpen. Het schip moet gekalefaterd worden, alvorens de reis te kunnen hervatten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dantzig, 9 september. Het Nederlandse schip EENDRACHT, kapt. De Boer (opm: vermoedelijk de kof EENDRACHT, kapt. H.J. Boer), ligt onder Hela.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stockholm, 6 september. Het schip (opm: bark) MARIA PAULINA, kapt. P.A. Paulsen, van Wyburg naar Amsterdam, is 3 dezer alhier in de nabijheid gestrand. Men is bezig de lading te lossen en heeft hoop het schip weer vlot te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 10 september. De Nederlandse schoener WILLEM, kapt. J. Molenaar, van Wyburg naar Edam, is alhier, wegens ziekte van de kapitein, binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 september. De Engelse stoomboot EARL OF AUCKLAND, kapt. W.W. Appleton, verliet heden morgen met vee onze haven om naar Londen te stomen. Op twee Engelse mijlen afstand van hier sprong een varken over boord en zette rechtstreeks aan op de haven, die hij enige tijd tevoren verlaten had. Een der lichters zette de vluchteling na, doch kon hem niet achterhalen. Hij kwam evenwel behouden hier in de haven terug, en, ofschoon met wier overdekt, bevond en bevindt hij zich nog in de beste varkenswelstand.


  LC - Leeuwarder Courant

De heer Willem Henri Bruno Bok, consulair agent van Frankrijk, voor Texel, Vlie en Terschelling, is van mening, als daartoe behoorlijk geautoriseerd, op maandag 16 september a.s, des voormiddag 10 ure, aan het dorp te Vlieland, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, om contant geld te verkopen:
-A:  9 Stuks merendeel nieuwe zeilen, 4 ankers en 2 kettingen, 1 kabel en 2 trossen, lier, pompen, watervaten, rondhouten, een boot, een partij gekapt staand en lopend touwwerk en hetgeen verder gepresenteerd zal worden.
Alles afkomstig van het op de 25e augustus l.l. bij Vlieland gestrande Franse Loggerschip JEUNE ALPHONSE, kapitein Garo, van Drammen naar Antwerpen gedestineerd geweest.
-B:  Het hol of casco van voornoemd Loggerschip, zoals hetzelve thans op de zogenaamde Riggel nevens Vlieland is zittende.
Eindelijk, dezelfde dag, des avond te 7 ure, in het logement van C. Molenaar aldaar:
-C:  De uit voornoemd geborgen lading, bestaande in: 2.626 stuks batting, lang van 2,384-8,940 el (8 tot 30 voet), dik 2½ duim, breed 6½ duim, alles Amsterdamse maat. Liggende behoorlijk gekaveld nevens het dorp te Vlieland en aldaar van heden af voor een ieder te bezichtigen.
Nadere informatie zijn op franco aanvrage te bekomen ten kantore van de heer W.H. Bruno Bok voornoemd te Texel, alsmede bij de burgemeester van Vlieland.


14 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Malaga, 11 september. De te Wildervank te huis behorende schoener ROBERT, 134 ton en gebouwd in 1857, kapt. A.H. Scholten, van Londen met een lading stukgoederen naar Syra bestemd, is de 8e dezer bij Kaap de Gatt (opm: bedoeld is Cabo de Gata) door de Spaanse stoomboot FERNANDO DE AFRICA overzeild en gezonken. De bemanning is behouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Rietveld, P. Blom, A. Roland Holst en J.F.L. Meijjes, makelaars, zullen op maandag 23 september 1861 in publieke veiling verkopen: een extra ordinair, welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, genaamd JACQUELINE EN ELISE, laatst gevoerd door kapt. J.H. Krukkenberg en gemeten op 287 tonnen of 152 lasten. Alles breder bij biljetten omschreven. Het voornoemde brikschip ligt aan de werf Het Witte Kruis, Kleine Kattenburgerstraat te Amsterdam. De verkoping zal geschieden ten huize van L.H. Wolters, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ. Iemand nader onderricht begerende, spreke met bovengemelde makelaars of met de cargadoors Hoyman & Schuurman.


  JB - Javabode

Te Panaroekan, residentie Bezoeki, zijn op de 20e augustus aangekomen zeven schipbreukelingen, afkomstig van de kotter SOERABAIJA, welk schip volgens bewering der geredden in de nacht van de 15e op de 16e door hoge zeeën is belopen en ten gevolge daarvan gezonken. De kotter behoorde aan de Chinees Tan Bindsang te Soerabaija en was op reis derwaarts, na te Bali Boeleleng te zijn beladen met 150 pikols koffij, 45 pikols dinding, 15 pikols olie en 15 pikols makoedoe. Het ongeluk heeft plaats gehad tussen Banjoewangi en Soemberwaroe in de na-nacht, naar gissing te drie uur, en hebben de opvarenden zich met de sloep gered, waarmede zij, na twee etmalen te hebben rondgezworven, te Oedjong Djangkar zijn aangeland.


  JB - Javabode

Advertentie. De waarnemend hoofdadministrateur der Marine maakt bekend dat, ingevolge machtiging der regering, op de 21e oktober aanstaande door tussenkomst van de Gouvernements-commissionairs John Pryce & Co voor de Marine-pakhuizen alhier publiek zal worden verkocht de voor de dienst afgekeurde en thans aan het Marine-établissement te Onrust liggende schoenerbrik REMBANG, met het staand- en lopend tuig, anker en ketting, zomede enige van die bodem afkomstige en voor de dienst der Marine onbruikbare inventarisgoederen; het schip onder ’s Gouvernements nadere goedkeuring, de inventaris zonder reserve. Nadere informatiën zijn te bekomen bij het Marine-departement te Batavia en bij de directie van het établissement te Onrust.


15 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 14 september. Gisteren is op de werf van de heer F. Kloos, scheepsbouw-meester, de kiel gelegd voor een nieuw ijzeren raderstoomschip, voor rekening van de Zwolsche Stoomboot Maatschappij gevestigd te Zwolle. De machines van dit stoomschip worden vervaardigd in de fabriek van de heren D. Christie & Zn te Delfshaven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aan een particuliere brief uit Paramaribo d.d. 19 augustus j.l. ontlenen wij het volgende: Heden namiddag ten 3 ure is een oorlogsstoomschip van de afgescheiden staten van Amerika op de rede alhier ten anker gekomen. Ondanks de bepaling dat kapers van de Zuidelijke staten, met of zonder buit, niet mogen binnenkomen dan alleen in geval van zeeramp, heeft de commandant van het fort Nieuw Amsterdam het vaartuig ongemoeid laten passeren. Dat stoomschip heet SUMTER en heeft de 17e van de vorige maand de haven van Curaçao aangedaan. Men heeft hem dáár toegelaten, op de verklaring van de commandant Sommes, dat het geen kaperschip is. In Suriname schijnt men geen onderzoek nodig te achten, hoe groot belang de kolonie ook bij de vaart van de Noord-Amerikaanse schepen heeft. Is de SUMTER een kaper, zoals algemeen het gevoelen is, dan zullen de hier liggende Amerikaanse koopvaardijschepen niet durven vertrekken, uit vrees om op de kust aangehouden te worden, terwijl de aankomende gevaar lopen een prooi van de rover te zullen worden. Iedereen is nieuwsgierig naar hetgeen de gouverneur zal doen; de consul van de Verenigde Staten staat op de uitkijk. Mocht de landvoogd binnen 24 uur geen afdoende maatregelen nemen, dan is de consul, naar ik verneem, voornemens een protest te doen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 14 september. De Nederlandse tjalk VROUW MARIA, kapt. Hoekstra (opm: Harm Anne Hoekstra), van Brussel naar Hamburg, is gisteren bij Ellewoutsdijk gestrand (opm: zie NRC 170961).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Thisted, 9 september. Het alhier gestrande Nederlandse schip (opm: schoener) NEWA – zie NRC van 4 en 11 dezer – is geheel wrak. Van de lading zijn nog 3 vaten olie onbeschadigd en 10 zak gambier zeer beschadigd, benevens een kleinigheid oud ijzer en opgeloste guano geborgen. Men heeft met enige werklieden een akkoord voor de verdere berging van de lading getroffen en deze zullen daarvoor de helft van de waarde, die zij bergen zullen, genieten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 8 september. De Belgische schoener EUPHROSINE, kapt. Speckers, welke 21 augustus op de reis van Antwerpen naar Dantzig alhier strandde, is afgekeurd en verkocht. De gehele lading, het grootste gedeelte onbeschadigd, is geborgen.


16 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 september. Het stoomschip SEINE, kapt. A. Wittenberg, stootte heden middag bij het binnenkomen in onze haven zo zeer tegen het havenhoofd, dat een daar aanwezige borstwering zeer beschadigd werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 13 september. Het kofschip de JONGE JAKOB (opm: vermoedelijk JONGE JACOB), kapt. G. Herman, stootte hedenmiddag bij het binnenkomen zo geweldig tegen het Noorderhoofd, dat het schip daardoor zware schade bekwam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 september. Het Nederlandse schip BERNHARD EN AGNES (opm: bark BERNARD EN AGNES), kapt. B. Ordeman, gepasseerden woensdag van hier naar Batavia vertrokken, is heden wegens contrarie wind geretourneerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 9 september. Het gisteren alhier van Amsterdam gearriveerde Nederlandse stoomschip MEDEA, kapt. T. Swart, heeft 6 dezer bij Hochland aan de grond gezeten en bekwam dientengevolge een lek. De kapitein hoopt echter, dat de lading onbeschadigd zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 juli. Vrachten. De vrachten bleven over het algemeen in een zeer vaste stemming verkeren, uit hoofde van het volslagen gemis aan disponible scheepsruimte. Naar Nederland werd geen enkel charter afgesloten en zoude NLG 100 per last voor suiker grif te bedingen zijn.
Zonder emplooi is het Nederlandse schip PEGASUS. De Nederlandse JOHANNES ANTONIUS werd in Nederland bevracht.


17 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 september. Zr.Ms. stoomflotillevaartuig HECTOR, onder bevel van de luit.t.zee 1e klasse P.M. van der Haak, komende van Suriname, is op de middag van de 16e dezer ter rede van Hellevoetsluis aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 16 september. De Nederlandse tjalk VROUW MARIA, kapt. H.A. Hoekstra, gestrand te Hellevoetsdijk (opm: Ellewoutsdijk), is vlot gekomen. De lading heeft niets geleden. (opm: zie ook NRC 150961)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 juli. De klip waarop het schip VRIENDENTROUW, kapt. D. Grevelink, van Passaroeang naar Amsterdam, gestoten heeft, ligt 4 geogr. mijlen van Pamanoekan uit de wal, en wel zonder baken. De boei daar vroeger aanwezig, is weggedreven of op een andere wijze daarvan verdwenen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J.C. van Slooten, notaris te Veendam, gedenkt ten verzoeke van zijn principalen, op dinsdag 24 september 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van de logementhouder D.E. Everts, te Veendam, tegen gereed geld, publiek te veilen en te verkopen: het in 1856 nieuw uitgehaalde, in 1860 gezinkte en goed onderhouden Nederlandse galjootschip MEIKA JACOBA, groot 147 zeeton, thans liggende te Antwerpen, zulks met deszelfs complete inventaris van masten, zeilen, ankers, touwen, kettingen, koksgereedschappen en verdere annexen.
Zijnde inmiddels uit de hand te koop, waaromtrent nadere informatiën zijn te bekomen bij de heren Charles Grisar, te Antwerpen, K & J. Wilkens en C. ten Horn te Veendam.


18 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 september. Uit Meppel schrijft men aan de Utrechtsche Courant:
De stoomboot van de Zwolsche Stoomboot-Maatschappij, de STAD ZWOLLE, is voor alle verdere dienst door de hoge regering afgekeurd; naar men verneemt, is dit een gevolg van de reis van de minister van binnenlandse zaken. De minister heeft met deze boot de terugreis gemaakt. De burgemeester van Amsterdam moet terstond op kennisgeving twee ingenieurs tot onderzoek naar de toestand dier boot afgezonden en de onbruikbaarheid daarvan bevonden hebben.
De andere boot dier maatschappij, de STAD AMSTERDAM, doet nu zolang dubbele dienst, tot dat de maatschappij een andere boot in dienst heeft gesteld.
Dat te Kinderdijk reeds de kiel gelegd is voor een nieuw ijzeren raderstoomschip hebben wij reeds gemeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 september. De stoomschepen BROMO en SINDORO vertrekken 1 oktober naar Oost-Indië; het stoomschip DE LINGE wordt met 1 november in dienst gesteld, om ook nog in dit jaar de reis derwaarts te ondernemen. Verder bestaat het voornemen, nog een zeilkorvet naar Zuid-Amerika te zenden, ter vertoning van onze vlag, en tot oefening van adelborsten en jonge matrozen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 15 september. De Nederlandse schoener WILLEM, kapt. J. Molenaar, van Wyburg naar Edam, alhier binnen, heeft na herstelling van de kapitein de 13e dezer de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 16 september:
-  Het brikschip ZEEVAART, kapt. H. Mets, NLG 9.000, aan A.M. Balwé (opm: een makelaar namens Canne en Balwé).
-  Het stoomschip STAD AMSTERDAM, NLG 7.101.
-  Het stoomschip STAD 'S HERTOGENBOSCH, NLG 6.001.
-  Het tjalkschip GEERTRUIDA, NLG 380.
In massa genomen en in slag NLG 1.000, aan A.R. Holst.


19 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Van het Nederlandse kofschip HERMANNUS (opm: HERMANUS, zie ook NRC 081161, 231161 en 240365), kapt. D.E. Hesse, de 8e februari van Ayr (Schotland) naar Sevilla vertrokken, is tot heden niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 18 september. Op de Hinder is gisterenavond gestrand de Noorse schoener ANNA CHRISTINES HAAB, kapt. Brown, van Laurvig met hout naar Rotterdam bestemd. De equipage is door de Loodsboot No. 4 alhier aangebracht, en men is bezig de lading te bergen. Het schip, dat de masten reeds verloren heeft, zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 september. Het Hanoverse schip JUNGE JOHANN, kapt. Janssen, van Hamburg, met stukgoed, herwaarts gedestineerd, is in de avond van de 16e dezer op Terschelling gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 17 september. Kapt. J.D. Visser, voerende de kof GEERTRUIDA, alhier binnen, heeft gisteren op de hoogte van Kamperduin drijvende gezien het achtergedeelte van een schip met het tuig. Op de achtersteven stonden de letters NEUS.
 
NRC 190961
Nieuwpoort, 17 september. De Pruissische bark FRIEDRICH WILHELM, kapt. Voss, van Memel naar Gloucester, is alhier gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 14 september. Het Nederlandse schip (opm: kof) PETRUS JACOBUS, kapt. P.F. de Jonge, van Stettin naar Havre, is alhier met verlies van zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Wight, 16 september. Het Nederlandse schip (opm: schoener) BAREND BULSING, kapt. D.T. de Vries, van Stettin naar Triëst, is met verlies van zeilen en wegens contrariewind op de Motherbank geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Glückstad, 16 september. Het schip ERIDANUS, kapt. Loop (opm: buitenlander), van Koningsbergen naar Rotterdam, is alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Haugesund, 10 september. De te Schiedam thuis behorende schoener PAULINA EN CORNELIA (opm: brik PAULINE EN CORNELIA), van Archangel naar Schiedam bestemd, is de 5e dezer binnengelopen om het lijk van kapt. H. Kuypers (opm: Harmannus Hindriks Kuiper) die 13 augustus aan boord gestorven is, ter aarde te bestellen en heeft 2 dagen later onder bevel van de stuurman K.K. Hagedoorn de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 8 september. De Belgische schoener EUPHROSINE, kapt. Speekens, welke in de nacht van 20 op 21 augustus op de reis van Antwerpen naar Memel, alhier strandde, is afgekeurd en zal verkocht worden. De lading is meest onbeschadigd geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Melbourne, 25 juli. Het alhier van Rotterdam gearriveerde Nederlandse schip (opm: fregat) OCEAAN, kapt. D. Herderschee, heeft op de reis veel slecht weer ondervonden en verschillende rondhouten verloren.


20 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Goedereede, 18 september. Alhier werd aangevoerd de lading hout van de gepasseerde nacht op de Hinder gestrande masteloze schoener ANNA ARNOLDINA (opm: volgens een verkoopakte uit 1864 ANNA EN ARNOLDINA), kapt. Bron (opm: mogelijk aflosser voor kapt. D.H. van Wijk), bestemd naar Rotterdam om order, waarvan het volk door de loodsboot gered en te Hellevoetsluis aan wal gebracht is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 19 september. Van het gisteren gemelde masteloos fregat (opm: zie voorgaand bericht [het schip is een schoener]) is nog niets naders bekend. De sleepboot KINDERDIJK is heden middag naar zee vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 19 september. Volgens rapport van een loods drijven 7 mijlen benoorden Schouwen een Amerikaans schip en een brik masteloos. De equipages zijn nog aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 september. Het schip MARGRETHA CATHARINA, kapt. Brummer (opm: vermoedelijk buitenlander), van Fedderwardersiel herwaarts gedestineerd, is volgens brief van Norden van de 16e dezer de vorige dag met schade te Nieuwharlingerzijl (opm: Neuharlingersiel) binnengebracht. De lading wordt gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 18 september. Met het schip WRIGHTS, kapt. Forrest, werd heden alhier aangebracht kapt. Th. Hunter en een gedeelte van de bemanning der Engelse brik (opm: fregat) MARATHON, welke bodem de 16e dezer op de reis van Hamburg naar Shields zinkende verlaten is (zie artikel Noordwijk [opm: volgend bericht]).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Noordwijk, 19 september. De 18e september is nabij Noordwijk aan Zee gestrand het barkschip (opm: fregat) MARATHON, kapt. Th. Hunter, zijnde door de equipage verlaten. (opm: zie NRC 280961 – verkoop wrak)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 19 september. Heden is alhier aangebracht een gedeelte der bemanning van de Engelse brik (opm: fregat) MARATHON, welke bodem in zee verlaten is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harwich, 16 september. Het schip ANNA, kapt. Ibsen (opm: vermoedelijk buitenlander), van Ystad naar Schiedam, is alhier met gebroken boegspriet, verlies van kluiverboom en steng en overgeslagen lading binnengelopen, hebbende veel slecht weder ondervonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Falmouth, 17 september. Het schip REINHARD, kapt. Timmerman (opm: volschip, kapt. C.C. Timmermann), alhier met schade van Akyab om order gearriveerd, is nagezien en moet de lading lossen.


  LC - Leeuwarder Courant

Ameland, 17 september. Heden nacht strandde alhier op reis van Koningsbergen naar Schiedam het Pruisische schoonerschip MARIA, kapitein I.C. Ewerd. Niettegenstaande het onlangs plaats gehad hebbende ongeluk met een der reddingboten (opm: zie LC 300861), waren al dadelijk zeelieden bereid hun leven ter redding der schepelingen te wagen en werd die redding met beide boten beproefd. De poging van die van Hollum mislukte echter, doch werden de vier schepelingen door de boot van Nes met levensgevaar bij zeer hoge branding van uit het want, alwaar dezelve nog gedurig door de branding overdekt werden, gelukkig gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal, tegen gerede betaling verkopen:
-1:  Ten verzoeke van kapitein L.M. Morck, gevoerd hebbende het op de reis van Christiania naar Dieppe op de 25e augustus l.l. gestrande Noordse brikschip DIEPPE PACKET, op dinsdag 1 oktober 1861, des morgen 9 uur, bij het Pakhuis van Strandgoederen te Hollum op Ameland, de van voormeld schip geborgen tuigage en scheepsgoederen, bestaande principaal in:
-2:  Ankerkettingen, diverse lichte dito, 1 werpanker, 3 nieuwe trossen, 2 gekapte dito, 17 zeilen, 2 stukken zeildoeken, gekapte wanten, stagen, een grote partij gekapt staand en lopend touwwerk, een partij blokken, gekapte masten en verder rondhout, 2 fletten (opm: 2 vletten), watervaten, kompassen, lantaarns en verdere scheepsgereedschappen, kombuis, vleesvaten, koks gereedschappen.
Nadere informatie bij de heer burgermeester van Ameland, en
-3:  Ten verzoeke van Jhr. van Heeckeren, burgemeester van Ameland, als daartoe geautoriseerd heren eigenaren en de heer directeur der Zee Assurantie Maatschappij “La Sauve Garde” te Parijs, op woensdag de 2e oktober e.k, des voormiddag 9 uur, ten huize van de logementhouder Job Dirks Visser te Hollum, de uit bovengenoemd schip geborgen lading, bestaande in plus minus acht duizend delen (opm: dikke planken), lang van 6 el 7 palm tot 2 el 3 palm, breed merendeels 23 en dik 8 duim, in kavelingen, zoals hetzelve voor de verkoop zullen worden gebracht.
NB.  De postschepen vertrekken op de dagen voor de verkopingen of op de 30e september en 1 oktober, des namiddags 3 uur van Holwerd naar Ameland; op een der dagen niet kunnende varen, wordt de verkoop uitgesteld tot de overkomst.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Meijer te Holwerd zal op zaterdag de 21e september 1861, bij het Pakhuis van Strandgoederen te Ballum op Ameland, tegen gereed geld, verkopen, des morgens ten 9 uur: 30 lasten, door zeewater beschadigde rogge, afkomstig van de lading van het op de 17e bevorens op Ameland gestrande Pruisische schoonerschip MARIA, kapitein J.C. Eward, en des namiddags ten een uur, het hol of casco van genoemd schip, zoals op het strand is zittende.
Te Holwerd bestaat heden vrijdag gelegenheid tot overvaart, des avond ten 7½ uur.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. R. de Haan Sz, deurwaarder te Leeuwarden, zal op dinsdag den eersten oktober aanstaande, des namiddags te vijf uur, ten huize van R.J. Brouwer, in het Schippershuis te Leeuwarden, publiek verkopen: Een goed onderhouden Hek Tjalkschip, groot 42 tonnen, met twee stel nieuwe zeilen, vier kluifokken, twee kabels met nieuwe ketting, drie ankers en werpanker, kleden, staand en lopend want en verder toe en aanbehoren. Te bezichtigen bij de verkoopplaats op de dag der veiling en daags te voren.
Meerdere vaartuigen kunnen worden bijgevoegd.
(opm: LC 041061 meldt dat is geboden NLG 599)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een Turfschip, groot 19 à 20 ton. Te bezien bij Baas Sijbe Nijdam te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te Koop: een in aanbouw zijnd nieuw Schip, lang 18 el 70 duim (of 66 voet) wijd el 36 duim (of 15 voet 5 duim), hol 1 el 84 duim (of 6 voet 6 duim) bij W.T. Kamp, Scheepstimmerbaas op de Schilkampen bij Leeuwarden.


21 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 21 september. Het Belgische driemastschip LION BELGE, kapt. Frudden, van Leith naar Sydney, is op het Ower Sand verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ballum (op Ameland), 17 september. Hedenmorgen met het aanbreken van de dag ontwaarde men in de nabijheid van dit dorp weer een schip op strand. In allerijl werd de reddingboot van het naburige dorp Hollum naar de plaats van de stranding gebracht, en onze wakkere zeelieden, hoewel zich nog vers herinnerende hoe duur hun dergelijke tochten soms kunnen te staan komen, aarzelden niet de aandrang van hun menslievend gemoed gehoor te geven en de in nood verkerende schipbreukelingen hulp te verlenen. Vier man plaatsten zich in de boot, doch konden op verre na niet het schip naderen. Ook de reddingboot van Nes deed twee vergeefse pogingen tot redding; een later herhaalde poging slaagde beter; men kon het schip zo nabijkomen, dat een uitgeworpen lijn door de kapitein van het schip gegrepen werd. Daarop werd de boot naderbij getrokken en de gehele equipage gered, aan wal gebracht en liefderijk verpleegd. Het schip is een met rogge geladen Pruissische schoener, komende van Koningsbergen en bestemd naar Schiedam.


 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Gerechtelijke aankondigingen.
De Arrondissementsrechtbank te Leeuwarden heeft, bij vonnis van 17 september 1861, verklaard, dat er rechtsvermoeden van overlijden bestaat ten aanzien van Barend Cornelis Post, laatst gezagvoerder van het schip de ONDERNEMING, gedomicilieerd te Harlingen, sedert den zestienden oktober 1800 twee en vijftig (opm: zie NSC 210460 en PGC 040153).
[kosteloos] S.W. Tromp, procureur.


  JB - Javabode

In Nederland geveilde schepen en scheepsparten:
Te Rotterdam op 30 juli 1861:
-  Schip (opm: bark) EERSTELING, kapt. F.G.C. Mann, gebouwd in 1856, groot 391 lasten, voor NLG 55.300 verkocht en door de rederij weder ingekocht.
Te Rotterdam op 6 augustus 1861:
-  Schip (opm: bark) HERMAN, kapt. M. van Velthoven, gebouwd in 1855, groot 388 lasten, voor NLG 39.500 gekocht door de reder J. Keyser van Balderen.
-  1/64e Part in het schip (opm: bark) WILLEM DE ZWIJGER, kapt. W.L. van den Dries, gebouwd in 1857, groot 393 lasten, voor NLG 575 verkocht.
-  1/64e Part in idem, voor NLG 595 verkocht.
-  1/64e Part in het schip (opm: bark) JOSEPHA LOUISE, kapt.  A. Muysson, gebouwd in 1857, groot 394 lasten, voor NLG 550 opgehouden.
-  5/64e Part in idem, niet geveild.
De (opm: fregat) AMAZONE, in veiling opgehouden; is uit de hand te koop (opm: zie JB 210861).


  JB - Javabode

Te Soerabaija ligt in lading naar Australië het Nederlandse schip (opm: schoener) SICILIE, kapt. T.C. Schol (opm: zie NRC 270861).


22 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ameland, 17 september. Het Pruissisch schoenerschip MARIE, kapt. Ewert, van Koningsbergen naar Schiedam, is hedennacht alhier gestrand, doch de equipage, uit vier man bestaande, door de reddingboot van Nes, bij zeer hoge branding, uit het want, alwaar zij nog gedurig door de stortzeeën overdekt werd, met levensgevaar gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. Zr.Ms. schroefstoomschip der 1e klasse ZOUTMAN, is in de namiddag van de 20e dezer, van 's Rijks werf te Amsterdam met goed gevolg te water gelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. De 18e dezer, 's namiddags, verzamelde zich op 's Rijks marinewerf te Hellevoetsluis een belangstellend publiek, teneinde tegenwoordig te zijn bij het te water brengen van Zr.Ms. fregat De RUYTER, hetwelk van zeil- in schroefstoomschip is veranderd. Het was werkelijk belangwekkend, dat kolossale schip te zien drijven in een dok, waarin het water tot een aanmerkelijke hoogte boven de gewone waterspiegel was opgepompt. Bij deze gelegenheid is de voortreffelijkheid en uitmuntende staat van de hier bestaande droogdokken opnieuw bewezen geworden. Alles liep zonder enig ongeluk en zelfs zonder de minste stoornis af.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 20 september. Kapt. Vos (opm: P. de Vos), voerende de kof HOUTHANDEL, met een lading hout van Frederikstad alhier binnen, rapporteert veel stormweer te hebben doorgestaan, en genoodzaakt te zijn geweest om een gedeelte van de deklast overboord te werpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Noordwijk, 20 september. In de ochtend van 18 dezer is achter de Noordwijkerhout gestrand een 3-mastschip, de naam enz. nog onbekend, zonder masten of boten. De bemanning, van welke nog niets bekend is, schijnt hetzelve verlaten te hebben, naardien de levensbehoeften, op weinig na, zijn medegenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 september. Het wrak van het bij Tjilatjap gestrande schip (bark) AGATHA EN MARIA (opm: zie o.a. JB 220661), kapt. W.B. van Zijp, van Tjilatjap naar Amsterdam, is de 2e juli met de aangespoelde scheepsprovisie en inventaris voor NLG 2.500 verkocht.


24 september 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 19 september. Het schip (opm: brik) THORBECKE, kapitein F.H. Witting, van Leith naar Lissabon, is alhier met verlies van stengen, ra’s, zeilen, kluiverboom enz. binnengelopen, na op 16 september onder de Engelse kust een hevige storm uit het Z.W. doorstaan te hebben; is dicht gebleven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hamburg, 20 september. Volgens bericht van Ringkøbing, is het kofschip VERENIGING, kapitein Stuit (opm: VEREENIGING, kapt. H.J. Stuut), van Skelleftea met 1035 tonnen teer naar Dordrecht, op de avond van 16 september op 2 mijlen van Ringkøbing gestrand, na reeds drie dagen in zinkende toestand geweest en slechts met moeite door gestadig pompen boven water gehouden te zijn. Het volk is gered, van de lading is een gedeelte geborgen, doch het schip is totaal verbrijzeld.


25 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 september. Wij vernemen, dat met de 1e november wordt in dienst gesteld het te Vlissingen liggende korvet 1e klasse PRINS MAURITS DER NEDERLANDEN om te gaan kruisen ter hoogte van de Canarische Eilanden met adelborsten der 1e klasse en jeugdige schepelingen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 23 september: het brikschip JACQUELINE EN ELISE NLG 15.200, in slag NLG 20, opgehouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 21 september. De Groninger kof MARGARETHA, kapt. (opm: galjoot), van Gefle met ijzer naar Hull, is gisterenavond op 4½ mijl afstand van Skagen gestrand (opm: zie NRC 290961). De bemanning is gered en op evengenoemde plaats aangekomen.


26 september 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dagvaarding. Op heden woensdag de achttiende september 1861, ten verzoeke van Ida Berhardina Everts, zonder beroep, wonende te Veendam, domicilie in deze kiezende ten huize van de deurwaarder Klaas Caspers Bloupot, wonende te Winschoten en tot Procureur hebbende Mr. Marcus van der Tuuk, Procureur bij de Arrondissementsrechtbank te Winschoten, hebbende bij beschikking van de Arrondissementsrechtbank te Winschoten d.d. 4 september verlof bekomen tot het doen van de na te melden tweede openbare dagvaarding; heb ik Jan Fokkes Warnders, deurwaarder bij de Arrondissementsrechtbank te Winschoten, wonende te Wildervank, ten tweede male gedagvaard: Jan Jacobs Mulder, schipper wonende te Veendam, doch thans afwezig, om op woensdag 8 januari 1862, des morgens te 10 uren te verschijnen voor de Arrondissementsrechtbank te Winschoten, zitting houdende te Winschoten, in het gebouw van Justitie aldaar; ten einde alsdan;
Aangezien gedaagde (eiseresses echtgenoot) in de maand februari 1856 zijn woonplaats te Veendam heeft verlaten en op de achttiende augustus met deszelfs schip IDA is vertrokken van het Vlie, bestemd naar Petersburg, zonder volmacht te hebben achtergelaten of order op het beheer zijner goederen te hebben gesteld.
Aangezien later van gedaagde geen bericht bij eiseresse is ingekomen, zodat het haar onbekend is of genoemde gedaagde nog in leven is dan dat hij is overleden. Aangezien het echter bijna zeker is, dat gedaagde met schip en manschap in de golven is omgekomen, dewijl nooit enig bericht van schip en manschap is ingekomen.
Aangezien eiseresse er belang bij heeft, dat verklaard wordt dat er rechtsvermoeden bestaat, dat genoemde gedaagde overleden is, als zijnde in gemeenschap van goederen met haren echtgenoot. Aangezien eiseresse verlof heeft gevraagd en bekomen bij bovengenoemde dispensatie, om genoemde hare eheman bij een tweede openbare dagvaarding op te roepen, ten einde te bekomen zodanige verklaring van vermoedelijk overlijden van gedaagde; te verschijnen het zij in persoon of door iemand voor hem, teneinde van zijn aanwezen te doen blijken bij gebreke waarvan eiseresse zal worden gevraagd acte van zijn nietverschijning en verlof tot het oproepen van de gedaagde bij een derde openbare dagvaarding.
En heb ik Deurwaarder dat exploit gedaan, door aanplakking aan de voorname deur van het gebouw van Justitie te Winschoten, alsmede aan het Gemeentehuis te Veendam, terwijl ik een afschrift van dat exploit heb gelaten aan de officier van Justitie, ambtenaar van het openbaar minsterie bij de Arrondissementsrechtbank te Winschoten, sprekende met Z.E.A. op het parquet in persoon, die het oorspronkelijke met gezien heeft getekend.
Zullende een afschrift van dat exploit worden geplaatst in de Nederlandse staatscourant, alsmede in de Provinciale Groninger Courant, ten dien einde aangewezen.
De kosten dezes zijn twaalf gulden acht en tachtig, een tweede cent, buiten de couranten.
J.F. Warnders, deurwaarder.
Gezien en afschrift ontvangen door ons officier van Justitie, bij de Arrondissementsrechtbank van Winschoten, op heden de achttiende september 1861.
Scheidius, subst-officier.
Geregistreerd te Zuidbroek den negentiende september achttienhonder een en zestig, deel 20, folio 15, recto vak 2, 1 blad zonder renvooi.
Ontvangen voor recht NLG 0.80, voor 38 opcenten NLG 30½, te zamen een gulden en tien en halve cent.
De ontvanger Van Sonsbeek.
Voor copy conform M. van der Tuuk, Procureur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Door toeval uit de hand te koop, op aannemelijke voorwaarden: het nieuwe galjootschip HENDRIK EN JANSJE, groot 84 ton, met complete inventaris, zeilklaar liggend in de Zuiderhaven. (opm: zie PGC 090761)
Te bevragen bij G. Bodewes, te Martenshoek of J.G. ter Spil, cargadoor te Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Stoomboot de ZWALUW.
Van Zwolle, maandag, woensdag en vrijdagmorgen 8 uur.
Van Meppel, 7 uur 30 min.
Van Amsterdam, dinsdag, donderdag en zaterdag, des morgens 11 uur en 30 min.
Winterdienst, vangt aan op 1 oktober, het vertrek uit Amsterdam zal dan om 10 uur 30 min. na aankomst der Hollandsche en Rijnspoor plaats hebben.


27 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 25 september. Eergisteren is op de Vliehorst gestrand de Engelse schoener ELISABETH RICHARD, kapt. Roberts, van Leith met dakpannen naar Bremen bestemd. De equipage heeft zich zelf gered; het schip zal mogelijk afgebracht kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 24 september. Het Nederlandse schip JACOB JUNIOR (opm: schoener JACOB JR.), kapt. B.J. Bakker, van Newcastle naar Livorno, heeft op de Leaman and Ower Sands (banken tussen Wight en South Foreland) gezeten, doch is zonder assistentie vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Fowey, 24 september. De Nederlandse brik ANNA LENA, kapt. C. Zaal, van Amsterdam naar Suriname, is met schade alhier binnengelopen, hebbende in het Kanaal zware stormen doorgestaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Calmar, 24 september. Het Nederlandse schip (opm: galjoot) CATHARINA, kapt. H. Rozema, van St. Petersburg met lijnzaad naar Kopenhagen, is hedennacht op Oeland gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 24 september. De Nederlandse tjalk FOKKINA EMMEGINA (opm: smak FOCKINA EMMAGINA), kapt. F.F. Folkers, van Stockholm naar Antwerpen bestemd, is hier zwaar lek binnengelopen. Het moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.I. Rietveld, G.J. Boelen, A. Roland Holst, W.Y. van Reinouts en J.W.B. Zurmuhlen, makelaars, zullen, op maandag de 21e oktober 1861, des avonds te 6 uur, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B. Farret, verkopen:
-  Het extra ordinair welbezeild gekoperd en kopervast Nederlands fregatschip ARGUS, kapt. J.R. Smit, volgens meetbrief lang 38 ellen 55 duimen, wijd 6 ellen 73 duimen, hol 5 ellen 93 duimen, en alzo gemeten op 684 tonnen of 361 lasten. Liggende aan de werf De Haan, in de Groote Bikkerstraat.
-  Het extra ordinair welbezeild gekoperd en kopervast Nederlands fregatschip CORNELIS HOUTMAN, kapt. J.H. Rolman, volgens meetbrief lang 37 ellen, wijd 6 ellen 72 duimen, hol 5 ellen 27 duimen, en alzo gemeten op 582 tonnen of 308 lasten. Liggende aan de werf De Zwarte Raaf, aan het eind van de Groote Kattenburgerstraat.
Breeder volgens inventarissen en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Hoyman en Schuurman of De Vries & Co te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 24 september. Het schip (opm: tjalk) JOHANNA, kapt. D.B. Brouwer, van Koningsbergen naar Rotterdam, is gisteren als bijlegger alhier binnengelopen met lek schip, hebbende op de Elve (opm: Elbe) aan de grond gestoten (opm: zie NRC 280961).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Tromp te Bergum zal op zaterdag 28 september 1861, des namiddags te 4 uur, in de herberg van H.P. van der Hoek te Rijperkerk, provisioneel en finaal presenteren te verkopen: de helft in het beurtschip de JONGE JOZINA genaamd, groot 6 ton, varende van Rijperkerk op Leeuwarden en terug, met zeil en treil, bomen en verder toebehoren. In eigendom behorende aan L.L. Hoekstra te Rijperkerk en te aanvaarden 10 dagen na de toewijzing.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop tegen een billijke prijs: een hecht betimmerd Tjalkje, groot 20 ton, met zeil, fok, touwwerk enz, liggende aan de timmerwerf van M.K. de Jong te Oldeboorn en aldaar te bevragen.


28 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 25 september. Het schip (opm: tjalk) JOHANNA, kapt. D.B. Brouwer, van Koningsbergen naar Rotterdam, is de 23e dezer alhier lek binnengelopen na aan de grond gezeten te hebben (opm: zie NRC 270961). Het moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. De Amsterdamse bladen bevatten het volgende aan de minister van koloniën gezonden adres:
Amsterdam, de .. september.
Excellentie !
De ondergetekenden, allen reders, gevestigd te Amsterdam, nemen de vrijheid om de aandacht Uwer Excellentie te vestigen op het feit, dat aan de schepen, te Amsterdam thuis behorende, een veel geringer aandeel in het vervoer van troepen en officieren wordt toegekend, dan waarop zij bij gelijke verdeling en verhouding tot de sterkte der gehele koopvaardijvloot aanspraak zouden hebben.
Het feit zelf is buiten alle twijfel. Sedert 1 januari 1861 werden tot het vervoer van troepen gebezigd: 3 schepen uit Amsterdam, 6 schepen uit Rotterdam en 1 schip uit Dordrecht. In hetzelfde tijdvak werden tot het vervoer van 42 officieren als kajuitspassagiers aangewezen 5 schepen uit Rotterdam en slecht 1 Amsterdams schip, hetwelk dan nog niet meer dan twee officieren tot passagiers bekwam.
Werd er van de zijde der Amsterdamse reders geen prijs op gesteld om het vervoer van troepen en passagiers te bekomen, of moesten hun schepen tot dat oogmerk ongeschikt worden geacht, dan zouden de adressanten geen punt van beklag kunnen maken uit deze in het oog springende ongelijkheid van verdeling; maar het tegendeel is waar, bij iedere aanvraag voor troepenvervoer worden te Amsterdam schepen aangeboden, die naar onze overtuiging ruimschoots al de vereisten bezitten, welke bij schepen voor dat doel kunnen gevorderd worden. En het zou inderdaad ongerijmd zijn te onderstellen, dat hier geen schip zou te vinden zijn, geschikt voor de overvoer van ongeveer tien passagiers.
Door de welwillende mededeling van de directie der Nederlandsche Handel-Maatschappij aan enige belanghebbenden gedaan, hebben de adressanten wel vernomen dat de keuze der schepen voor verzending van troepen niet geschiedt naar blote willekeur – hetgeen zij trouwens niet onderstelden – maar dat die keus bepaald wordt door de vergelijking der beschikbare schepen naar zekere regels, die als maatstaf hunner geschiktheid worden aangenomen. Ook enkele van die maatstaven (zo als klassificatie, snelheid der afgelegde, bij de maatschappij bekende reizen, hoogte van tussendek), zijn hun bekend geworden, maar de adressanten vermenen dat daardoor de gronden voor hun beklag in genen dele zijn opgeheven. Al mocht het worden aangenomen dat de kenmerken, waarnaar de maatschappij de schepen voor dit doel rangschikt, inderdaad als maatstaf bruikbaar zijn, dan nog zou het oordeel over het bezit van die vereisten niet mogen worden overgelaten, zo als nu het geval is, aan enig beambte bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij, zonder dat de juistheid daarvan kan worden nagegaan door de belanghebbenden, daar deze met het merendeel der aangenomen maatstaven van beoordeling onbekend zijn. Maar ook op zich zelf zijn die regels van beoordeling, welke aan de adressanten bekend zijn geworden, geenszins onvoorwaardelijk toepasselijk ter bepaling van de graad van geschiktheid der schepen, en eindelijk schijnt het niet mogelijk de voorrang tussen de schepen te regelen naar een vergelijking, die vele verschillende punten ten onderwerp heeft, zodat het een schip in het ééne opzicht, het andere in een ander opzicht het voortreffelijkste kan zijn. Het moet wel een zeer onbegrijpelijke of een zeer onjuist toegepaste regel zijn, welke een zo grote ongelijkheid in de uitkomst teweeg brengt, als boven werd aangetoond te bestaan.
Het is over die ongelijkheid dat de adressanten zich eerbiedig beklagen. Zij verlangen geenszins begunstiging voor zich, maar een gelijkheid die achterstelling, zij het ook een onwillekeurige, uitsluit. Zodanige gelijkheid zou worden verkregen, indien de vereisten, welke schepen ter verzending van troepen moeten bezitten, aan de belanghebbenden werden bekend gemaakt en het onderzoek der aangeboden schepen zich bepaalde tot het nagaan of die vereisten werkelijk aanwezig zijn. Bij gelijktijdige aanbieding van schepen die aan alle gestelde voorwaarden voldoen, ware het dan niet meer dan billijk, zo ook in gepaste verhouding Amsterdamse schepen voor dat vervoer werden gekozen, en zou althans Rotterdam zich niet kunnen beklagen, zo die verzendingen beurtelings aan de schepen van het noorden en het zuiden werden toegewezen.
Om deze redenen nemen de ondergetekenden de vrijheid Uwe Excellentie eerbiedig te verzoeken:
1.    Om aan de directie der Nederlandsche Handel-Maatschappij de last te geven de vereisten van klassificatie, grootte van charter, licht en lucht enz. welke in schepen ter verzending van troepen gevorderd worden, aan de belanghebbenden bekend te maken en volgens die vereisten de aangeboden schepen te onderzoeken; en
2.    Om uit de schepen welke de aldus bekend gemaakte vereisten bezitten, beurtelings in gelijke verhouding die van het noorden en van het zuiden tot verzending van troepen te bezigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Elmina (kust van Guinea) ligt te Amsterdam in lading, om in de loop van de maand oktober e.k. te worden geëxpedieerd, het nieuw gebouwd en gekoperd Nederlands brikschip GOUVERNEUR NAGTGLAS, gevoerd door kapt. J.F. Burghgraef, zijnde uitmuntend ingericht voor de overtocht van passagiers. (opm:eerste reis)
Adres Oolgaardt & Bruinier, cargadoors te Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping om contant geld te Noordwijk aan Zee op dinsdag de 1e oktober 1861, des voormiddags ten 10 ure, ten verzoeke van de heer G.A. Taylor, vice-consul van Engeland te Nieuwe Diep, als daartoe behoorlijk gemachtigd, van het casco van het kopervast en gekoperd Engels fregatschip MARATHON, alsmede van 450 vaam zware ketting, 5 zware ankers, enige zware trossen, grote en kleine zeilen, zo goed als nieuw, staand en lopend touwwerk, 2 Amerikaanse grenen stengen, 1 nieuwe scheepspatent brandspuit, enige koperen kompassen, barometer, sextanten, nieuwe en gebruikte klederen, levensmiddelen en verdere inventaris; van het gezegde de 18e september 1861 te Noordwijk aan Zee gestrande schip.
Inlichtingen te bekomen ten kantore van de notaris Mr. C.C. van der Schalk, te Noordwijk.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 27 september. Heden arriveerde alhier het nieuw gebouwde schoonerbrikschip (opm: mogelijk schoener) MARIA, kapitein J.J. Beekman van Oude Pekela, groot 204 ton, gebouwd bij I.A. Hooites, te Foxholsterbos.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Holyhead, 26 september. De schooner SUSANNA ELSINA, kapitein Krans (opm: galjoot SUSANNA ELSIENA, kapt. S.J. Krans), uit de Wildervank, van Glasgow met machinerieën naar Santos, is gisternacht ongeveer 11 mijlen WZW van de South Stack (opm: in Caernarvon Bay) in zinkende staat door het volk verlaten, dat gered en heden morgen op de baar van Rhosheigyr aangekomen is.


29 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 september. Wij vernemen dat de beide stoomboten van de Zwolsche Stoomboot-Maatschappij thans weder geregeld varen. De STAD ZWOLLE is de vorige week, even als in de regel van tijd tot tijd met alle stoomboten geschiedt, te Amsterdam van rijkswege onderzocht en na een kleine reparatie goedgekeurd. Het bericht uit Meppel aan de Utrechtsche Courant gezonden en overgenomen door andere bladen, is dus weer zonderling overdreven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leer, 23 september. Het Nederlandse kofschip BRUNO, kapt. Fisser (opm: F.G. Visser), met een lading gerst van Assens naar het Noorderkwartier bestemd, is alhier lek en met overgeslagen lading binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 27 september. De Nederlandse kof (opm: galjoot) MARGARETHA, kapt. M.M. Kwint, van Gefle, met ijzer naar Hull, is eergisteren bij Skagen gezonken (en niet gestrand als vroeger [opm: zie NRC 250961] gemeld), en wel zo spoedig, dat de bemanning slechts weinig van haar goederen heeft kunnen redden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. Het schip (opm: fregat) METALEN KRUIS, kapt. J.P. Zuurdeeg, is lek, en zal denkelijk morgen naar Soerabaja vertrekken, om te dokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. Volgens rapport van kapt. H. Croese, voerende het schip (opm: bark) PEKING, in dato Soerabaja 9 augustus j.l, had hij op de reis van Melbourne naar Java, in de Torresstraat met harde passaatwinden en sterke stromen geweldig te kampen gehad, zijnde bij het ankeren het zwaar-anker met enige vademen ketting, benevens een tuianker, verloren geraakt, waardoor ook het spil onbruikbaar was geworden en noodzakelijk zou moeten vernieuwd worden. Schip en equipage bevonden zich overigens in goede staat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 augustus. Het Nederlandse schip PEGASUS verkreeg 50 dollar cents per picol voor rijst, 90 dollar cents voor rotting, en NLG 50 voor elke dekpassagier, hier te laden naar Macao, NEDERLAND (Nederlands) is bevracht à NLG 105 per last voor suiker hier, NLG 110 voor suiker te Soerabaija, NLG 105 voor koffij en NLG 110 voor licht goed hier te laden naar Amsterdam. BARON VAN PALLANDT VAN ROSENDAAL (Nederlands) werd te Soerabaija liggende door de Factorij opgenomen om 10.000 picol koffij te Amoeroeng en Menado te laden à NLG 125 per last en hier op te vullen met koffij à NLG 105 ballast vrij. De HENRIETTE (Nederlands) is te Samarang bevracht om daar koffij en suiker te laden à NLG 105, tabak NLG 95 en licht goed à NLG 115 per last. De ETHA en ENERGIE werden voor de Perzische Golf bevracht tot onbekende vracht. De LEONIDAS ligt in lading voor Sydney.
De CORNELIA MARTHILDA moet kielen.
Het Nederlandse schip JOHANNES ANTONIUS is nog disponibel.


30 september 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. De Britse regering heeft aan de kapt. J.P. Schroot van de Nederlandse schoener SIRENA (opm: SIRENE), te huis behorende te Rotterdam, als blijk harer erkentenis voor de redding van de schepelingen van het Britse vaartuig WILLIAM HAMMOND, hetwelk door hem in maart laatstleden in reddeloze toestand is ontmoet op de Atlantische Oceaan, een verrekijker aangeboden.
Insgelijke is, wegens de redding van de equipage van het Britse vaartuig CHARLES BROWNEL, van Liverpool, de kapt. G.F. van Ommeren van de Nederlandse brik MINERVA, mede te Rotterdam thuis behorende, door de gemelde regering met een verrekijker vereerd (opm: zie NRC 060361).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal (per telegraaf), 29 september 's namiddags 3 ure 40 minuten. De Rotterdamse bark CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer, van Rotterdam naar Batavia, is met schade wegens aanzeiling met een Amerikaans schip te Sheerness binnengelopen (opm: zie NRC 021061).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 28 september. De Nederlandse tjalk VROUW JACOBA, kapt. M.C. Sterk, van Amsterdam naar Sleeswijk, is alhier voor noodhaven binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Simonsbaai, 10 augustus. De Nederlandse bark DRIE GEBROEDERS, kapt. H.B.A. Kramer, van Batavia naar Amsterdam, is hier heden lek binnengelopen, makende 22 duim water per uur.


02 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 oktober. Zr.Ms. stoomschip SINDORO, onder bevel van de luit.t.zee 1e kl. J.M. de Jongh, is in de namiddag van de 1e dezer van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken ter opvolging zijner bestemming naar Oost-Indië.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Paramaribo, 2 september. Wij hebben hier weinig stof tot roemen. De handel staat stil, en geldgebrek is aan de orde van de dag. Op de rede liggen niet meer dan acht koopvaardijschepen, namelijk: 2 Nederlandse, 2 Engelse, 3 Noord-Amerikaanse en 1 Demeraryse schoener. Provisies zijn hoog in prijs, kaas o.a. 75 c. per oud Amsterdams pond. Ge kunt dus nagaan, hoe de bevolking onder zulke omstandigheden lijdt.
De zaak, die alle gemoederen gedurende de laatste veertien dagen heeft bezig gehouden, is de toelating van het oorlogschip van de afgescheiden Zuid-Amerikaanse staten. In weerwil van de last, dat geen kaper, hetzij met, hetzij zonder prijs, in de haven mag toegelaten worden dan alleen ingeval van zeeramp, heeft de commandant van het fort Nieuw-Amsterdam, niettegenstaande hij bij het in het gezicht krijgen van het bedoelde schip had doen telegraferen “een vaartuig onder vreemde vlag” dat schip doen passeren zonder enig onderzoek naar een gezondheidspas te bewerkstelligen. Het vaartuig kwam op onze rede op de namiddag van de 19e augustus, en bleek te zijn de SUMTER, commandant Semmes, die volgens de couranten 11 schepen van de Noordelijke staten had prijs gemaakt, en zelfs 1 daarvan verbrand. De commandant zeide steenkolen en water nodig te hebben, doch algemeen werd het er voor gehouden, dat hij het op de Noord-Amerikaanse schepen, die op onze Kolonie varen, gemunt had.
De aanwezige gezagvoerders dier schepen begaven zich onmiddellijk naar de alhier gevestigde consul van de Verenigde Staten, en deze spoedde zich naar de gouverneur om de kaper van de rede te doen verwijderen. De gelijktijdige aankomst van een Frans stoomschip uit Cayenne deed ook kenbaar worden, dat de commandant van de SUMTER aldaar verzocht had toegelaten te worden, doch dat de gouverneur van Frans Guyana hem eenvoudig heeft doen weten, dat aangezien hij van geen gezondheidspas voorzien was, hij eerst quarantaine moest leggen alvorens op zijn verzoek kon worden geantwoord. Semmes, die door oorlogschepen van de Noordelijke staten opgezocht wordt, begreep dat het voor hem geen zaak was om in zee ten anker te gaan, en nam koers naar Suriname, alwaar naar het schijnt de onvergeeflijke nalatigheid van de commandant van het fort Nieuw Amsterdam hem de gelegenheid heeft geschonken, een doel te bereiken, dat hij reeds mislukt had gedacht. Onmiddellijk na zijn komst alhier was de bekende H. Wright gereed hem van steenkolen te voorzien. De Amerikaanse consul, met recht beducht dat de SUMTER, van dat artikel voorzien zijnde, zich buiten Braamspunt (opm: kaap bij de mond van de Suriname-rivier) zoude posteren ten einde de aankomende en vertrekkende schepen prijs te maken, begaf zich wederom tot de gouverneur, om deze te bewegen tot het verkopen van steenkolen als contrabande te verbieden, en toen dit niet gelukte, zond hij een protest in tegen het Nederlands gouvernement voor alle schaden, die de SUMTER aan schepen van de Noordelijke staten van Amerika, op hun reis van en naar Suriname, zou kunnen berokkenen. De gouverneur heeft daarop niet geantwoord.
De SUMTER heeft 150 ton steenkolen, water en levensmiddelen ingenomen, en is eerst op vrijdag de 30e augustus van de rede afgestoomd. Op de morgen van die dag zijn twee man zijner equipage naar de wal gegaan om groenten te kopen en niet teruggekeerd. Tevens werd bekend, dat er 1.000 daalders waren vermist. Het schip ging ten anker bij de plantage Resolutie, dicht aan de Braamspunt, en des avonds zond de commandant een sloep naar de stad met gewapende mannen om de deserteurs op te sporen, doch te vergeefs. Eindelijk is hij de volgende middag naar zee gegaan. Gisteravond zijn de twee vluchtelingen door de nachtwacht gearresteerd. Zij zullen, naar ik verneem, niet uitgeleverd, maar naar Brits Guyana gezonden worden. Intussen heeft het verblijf van de SUMTER alhier de bevolking zeer verontrust, en men vreest dat de zaak invloed zal hebben op de vaart van de Noord-Amerikanen op Suriname. Wat te beginnen indien de slavenprovisies niet aangevoerd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 oktober. Wij zijn verzocht het volgende te plaatsen:
Extract uit een brief van Batavia, in dato 14 augustus 1861. Wij haasten ons UEd. nog te wijzen op een groot gevaar, waaraan het schip NEDERLAND, gedurende deszelfs reis gelukkig is ontsnapt. Geheel onder in het schip zijn geladen geweest 15 kisten chemicaliën of medicijnen, afgeladen door de heren D. Veen & Co en bestemd voor de heer R. Nauta, apotheker alhier.
Terwijl deze kisten gelost werden en er één reeds in het visitatiepakhuis stond, schijnt er een fles gesprongen te zijn, tengevolge waarvan dadelijk veel rook ontstond en in één ogenblik de gehele kist niet alleen in brand stond, maar het vuur zich zo spoedig verspreidde door het brandende vocht, dat zelfs het entrepot hier groot gevaar heeft gelopen. Had ongelukkiger wijze aan boord een fles gesprongen, zo zouden wij meer dan waarschijnlijk nimmer meer iets van de NEDERLAND hebben vernomen.
Het komt ons onverantwoordelijk voor om dergelijke brandbare zaken af te schepen. De enige wijze, waarop zulk goed geladen wordt, is doorgaans op dek, om het bij alle mogelijke evenementen, onmiddellijk over boord te kunnen gooien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 september. Het Nederlandse schip (opm: brik) WILLEM JACOBUS, kapt. S. Visman, van Amsterdam naar Suriname, 28 september van hier vertrokken, is heden door tegenwind en ongesteldheid van de kapitein uit zee teruggekomen. Het schip is op de rede in aanzeiling geweest met de Engelse brik UVA, kapt. Story, waardoor het enige schade aan tuigage en verschansingen heeft bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 29 september. De Amerikaanse bark SAMSON, kapt. Robinson, van Antwerpen naar Rockland (VS) bestemd, is alhier met verlies van boegspriet, kluiverboom, fokkemast, voor- en grote stengen met bramstengen raas en zeilen benevens zware schade aan de bakboordsboeg binnengelopen, zijnde gepasseerde nacht op de hoogte van Dungeness in aanzeiling geweest met een Nederlandse bark (opm: de CONSTANCE, zie NRC 300961).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 29 september. De Nederlandse bark CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer, van Rotterdam naar Batavia, is gepasseerde nacht op de hoogte van Dungeness in aanzeiling geweest met de Amerikaanse bark SAMSON en bekwam daarbij belangrijke schade. De CONSTANCE is de Thames verder opgesleept en is bereids te Sheerness aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 21 augustus. De lading koffij en suiker van het in de Simonsbaai in averij binnengelopen Nederlandse schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Kramer, van Java naar Rotterdam bestemd, is zeer beschadigd en zal hoogstwaarschijnlijk verkocht worden. Het schip zal op de patentslip halen om te repareren.


  JB - Javabode

Te Batavia ligt in lading naar Banka het Nederlands-Indische schip HERTOERIDA, kapt. H.J. van Steendam, voordien genaamd GERTRUDE.
(opm: het schip was op 28 september 1861 nog als GERTRUDE, kapt. H.J. van Steendam, van Tagal te Batavia aangekomen en vertrok op 10 oktober 1861 als HERTOERIDA naar Muntok)


03 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 oktober. De heer Lehmann, scheepsbouwmeester te Rotterdam, is door het Japanse gouvernement voor de tijd van 3 jaren in dienst gesteld, om in dat rijk een marinewerf in te richten en tevens onderwijs in de scheepsbouw te geven. De heer Lehmann, die in de loop van de volgende maand naar zijn bestemming zal vertrekken, is een Duitser van geboorte, heeft geruime tijd in Noord-Amerika doorgebracht, en was laatstelijk aan de werven van de heren Hoboken te Rotterdam werkzaam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 1 oktober. Morgen vertrekt Zr.Ms. CYCLOOP, commandant Muller, naar Hellevoetsluis om Zr.Ms. schip DE RUYTER naar Vlissingen te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 oktober. Het schip (opm: schoener) ZEEBLOEM, kapt. F. Bakker, van Amsterdam naar Riga, is, volgens telegrafisch bericht van Christiania (opm: Oslo), na de masten verloren en zware lekkage bekomen te hebben, de 25e augustus verlaten, doch het volk gered en te Christiania aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 30 september. De Engelse schoener, in de afgelopen week in de Vliehorst gestrand, is afgebracht en ligt thans voor de Roosloot (opm: Oosthoek Vlieland).


04 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 2 oktober. Het schip (opm: tjalk) ZELDENRUST, kapt. J. Houtzager, van Hamburg met boekweit naar Rotterdam, is alhier lek binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Holyhead, 1 oktober. Het schip CHRISTINA JACOBA, kapt. Lutje (opm: schoener JACOBA CHRISTINA, kapt. R.H. Lutje), van Liverpool naar Harlingen, is alhier lek en met verlies van zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 26 september. Het wrak van het schip EUPHRASIE, gevoerd geweest door kapt. Speckens (opm: buitenlander), van Antwerpen naar Dantzig, alhier in de nabijheid gestrand, is met de inventaris voor Thaler 1.356 verkocht. De lading is in het schip KIRSTINESMINDE overgescheept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 1 oktober. De Engelse brik ANEMONE, van Dantzig met hout naar Londen, is eergisteren bij het eiland Hveen aan de grond geraakt, doch na het lossen van een gedeelte van de deklast in de Nederlandse kof GEERTJE, kapt. J.J. Pomper, gistermorgen in vlot water gekomen, en zou heden het geloste weder innemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Havre, 30 september. Het Belgische stoomschip MOHAMMED SAÍD, van Odessa alhier aangekomen, heeft op de reis een hevige storm doorgestaan, en heeft daardoor lekkage aan de lading bekomen. Men is bezig zo spoedig mogelijk te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.I. Rietveld, G.J. Boelen en C.H. Bert, makelaars, zullen op maandag de 28e oktober 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd JUPITER, gevoerd door kapt. P. Burggraaff. Volgens meetbrief lang 42 ellen 60 duimen, wijd 8 ellen 43 duimen, hol 6 ellen 8 duimen, en alzo gemeten op 970 tonnen of 513 lasten.
Alsmede de volgende instrumenten: 2 chronometers van Hohwu, 1 kwik barometer, 1 aneroide dito, 1 nachtkijker, 2 scheepskijkers, 1 sextant, 1 octant en 1 kistje met chirurgicale instrumenten. Liggende aan de Oosterdokdijk. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars of bij de cargadoors Hoyman en Schuurman.


05 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuw Hellevoet, 2 oktober: Zr.Ms. stoomschip BROMO, is niet op de bepaalde dag vertrokken. De oostenwind was de oorzaak, dat er te weinig water was om het schip de haven te doen verlaten, hetgeen hedenmorgen tengevolge van de verandering van wind is geschied. Bij de eerste gunstige gelegenheid zal het nu vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 oktober. Tengevolge van Zr.Ms. besluit van de 3e dezer, No. 76, worden de te Vlissingen liggende korvet PRINS MAURITS DER NEDERLANDEN en het te Hellevoetsluis liggende schroefstoomschip DE LINGE met de 1november aanstaande in dienst gesteld, met bestemming de eerste tot het doen van kruistochten en het tweede naar Oost-Indië, en het bevel daarover opgedragen, de eerste aan de kapt. luit. ter zee H. Kemper, en het tweede aan de luit. ter zee 1e kl. P.M. van der Haak.


06 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden. Mijnheer de redacteur!
Bij de behandeling van het budget van marine bepalen de leden van de Staten Generaal zich meestal tot ontboezemingen over het droge dok te Willemsoord, de zedelijke opvoeding van de matrozen, de aflossing in Oost-Indië en de aankoop van materialen ten dienste van de zeemacht. Aangezien dit een en ander thans uitmuntend marcheert, is het misschien niet overbodig, door middel van uw veel gelezen dagblad de leden dier vergaderingen in overweging te geven, of het niet doelmatig zou zijn, dit jaar enige andere maritieme punten aan te voeren; bijv. door de minister te vragen:
a. Of het waar is, dat met uitzondering van de ontwerpers en hun omgeving, het corps zeeofficieren het genoegzaam eens is:
1. Dat de drijvende batterijen nog vele verbeteringen behoeven, alvorens behoorlijk bruikbaar te zijn op de binnenwateren, en tot verdediging van de eigenlijke zeegaten, als onbestand tegen de minste zee, ten enenmale ongeschikt zijn.
2. Dat de schroef stoomflotille vaartuigen, door te grote diepgang en het springen van het bovendek, onbruikbaar zijn tot verdediging van de Nederlandse waterwegen, waartoe zij gebouwd werden; en geen zeeschepen zijnde, thans niet zonder groot gevaar van met man en muis te verongelukken, naar Oost-Indië gezonden worden, en daar toch als zeer weinig bruikbaar te beschouwen zijn.
3. Dat de zogenaamde verdedigingsvaartuigen veel ondoelmatiger en onhandelbaarder zijn dan de oude kanonneerboten, grotere diepgang hebben, minder krachtig gewapend zijn, en toch tweemaal zoveel geld kosten.
4. Dat op de DJAMBI en haar evenbeelden de helft van de batterij niet kan gebruikt worden tengevolge van de smalte van het schip, en deze vaartuigen dienvolgens als mislukte oorlogschepen te beschouwen zijn, zodat de kosten van ruim acht tonnen gouds, aan ieder van die schepen besteed, grotendeels kunnen gerekend worden in het water te zijn geworpen. Ja, dat, al kon men de batterij gebruiken, men met geen mogelijkheid kan inzien, tot welk doel die zwakke kostbare vaartuigen gebouwd werden.
5. Dat tot verdediging van de Nederlandse waterwegen zelve, wij geen enkel doelmatig oorlogsvaartuig bezitten, en in Oost-Indië, met uitzondering van enige raderstoomschepen, de aldaar aanwezige schepen voor de gewone dienst als zeer duur en ondoelmatig te beschouwen zijn; en allen, zonder onderscheid, tegen een buitenlandse vijand nagenoeg niets vermogen.
6. Dat in het algemeen, de schroefstoomfregatten niet uitgezonderd, onze gehele maritieme macht evenmin op de hoogte van de tijd, en betrekkelijk even krachteloos is, als tijdens het aftreden van de minister Enslie, ten trots van het groot aantal miljoenen sedert die tijd, aan het zogenaamde herstel van de zeemacht besteed.
7. Dat alzo, meer dan tweemaal het te kort op de landsuitgaven voor 1862, alléén door de Marine, sedert het bestuur van de heer Enslie, nutteloos verspild is.
b. Of het niet doelmatig zou zijn, de wet op de bevordering van de zeeofficieren te wijzigen.
Thans om aan de bepalingen te kunnen voldoen, worden de officieren belast met de gewichtige taak: de wetenschappelijke opvoeding van de aanstaande zeeofficieren, maar al te veel uit hun werkkring gerukt, en moeten dan vervangen worden door anderen, die hoe geleerd ook, minstens één jaar nodig hebben om zich het geven van onderwijs eigen te maken, hetgeen niet anders dan nadelig voor de goede zaak kan werken. Andere officieren weer, wier betrekkingen worden meestal gedurende die tijd, op pas in dienst komende nieuwe schepen als commandant of 1e officier geplaatst, om daarna weer vervangen te worden, iets waarvan het nadelige voor de dienst overbodig zal zijn aan te tonen.
c. Of het waar is, zoals verhaald wordt, dat men gedurende de laatste jaren bij de marine de zonderlinge gewoonte heeft, om als het geld op is, toch voort te gaan met werken te laten uitvoeren of materialen aan te kopen, maar dan onder voorwaarde dat voor de betaling – de aanneming of koop – gerekend moet worden in het volgende jaar te zijn geschied.
d. Of er bezwaren bestaan, tot juiste beoordeling van de toestand van de zeemacht, en van de wijze waarop miljoenen schats besteed zijn, aan de kamer over te leggen:
1. De rapporten van de beide laatste commandanten van de zeemacht in Oost-Indië, ten opzichte van de meer of mindere bruikbaarheid van de derwaarts gezondene schroefstoomschepen, met de daarbij behorende rapporten van de commanderende officieren; zelfs, al zijn deze laatste, om zekere redenen, slechts door een gewone geleidebrief aangeboden.
2. Het rapport van de commanderende officier van het schroefstoomflotille vaartuig HAARLEMMERMEER betrekking hebbende op zijn reis naar Oost-Indië tot beoordeling van de zeewaardigheid van die vaartuigen.
3. Dat gedeelte van het rapport van de directeur en commandant van de zeemacht te Willemsoord, handelde over de meer of mindere bruikbaarheid van de DJAMBI als oorlogschip.
4. Een schriftelijke oordeelvelling over de meerdere of mindere bruikbaarheid van de verdedigingvaartuigen, de schroefstoomflotille vaartuigen, en de drijvende batterijen, te leveren door de directeurs en commandanten te Willemsoord en Amsterdam en de inspecteur over de Zeeartillerie van de marine.
Mijnheer de redacteur, wij hebben thans een praktisch minister van marine, die het goede wil, en voorzeker de kracht bezit om het hoofd te bieden aan alle dusdanige theoretische maritieme bespiegelingen, die wel schoon op het papier, maar onbruikbaar in de praktijk, en kostbaar voor den lande zijn; een kracht die zijn voorganger, hoe geleerd en welwillend ook, ten enenmale ontbrak. Maar zal het niet bij vrome wensen blijven, zal ook bij verandering van minister, iets goeds ten uitvoer gebracht worden, dan behoren de Kamers blijken te geven van belangstelling in de zaak, die niet bestaat in schone spitsvondige redevoeringen te uiten, of uit te lokken, maar door een nauwgezet onderzoek te bevelen; opdat, wanneer het blijkt, dat de treurige toestand van de zeemacht, hier vooropgezet, maar al te waar is, de wetgever, met kennis van zaken, krachtig kan medewerken tot het daar stellen van iets bruikbaars, en het tegengaan van maritieme verkeerdheden.
Met een plaatsing van het bovenstaande zult u verplichten, mijnheer de redacteur!
Uw Dw. dienaar Z.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 4 oktober. De Belgische driemaster HENRI JOSEPH, kapt. v.d. Steene, van Callao naar Queenstown, de 25e juni laatstleden lek te Rio-Janeiro binnengelopen, is aldaar afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De nieuwe minister van marine is nog slechts vijf maanden in dienst. Sindsdien is de voorgenomen verandering van het linieschip TROMP in een stoomfregat opgegeven, omdat de verandering van de DE RUYTER, naar een ruwe berekening, nagenoeg zoveel kost als ¾ van de kosten van een nieuw fregat, of nagenoeg 1 miljoen. Men heeft de voorkeur gegeven om met die som doelmatiger verdedigingsmidden aan te wenden dan een houten fregat kan zijn.
Bij de noodzakelijke buitendienststelling van de fregatten WASSENAER en EVERTSEN, is de drijvende batterij NEPTUNUS in dienst gesteld, om zich te overtuigen, of over deze batterij spoedig zou kunnen worden beschikt. De uitkomst heeft bewezen, dat daaraan nog veel ontbreekt, zodat men maatregelen heeft genomen om ze, zo spoedig mogelijk, in bruikbare staat te brengen. Een van de verdedigingsvaartuigen, DE AMSTEL, is naar de bepaalde voorschriften met 60 ponders gewapend, om de zekerheid te verkrijgen dat zij die wapening kan voeren, waaromtrent nog verschil van gevoelen bestond.
Het linieschip DE KONINGIN, hetwelk bestemd was om tot drijvende batterij te worden ingericht, is zo slecht bevonden, dat het schip in publieke veiling is gebracht; doch, niet meer dan NLG 22.000 daarvoor geboden zijnde, volgens de bepalingen niet is gegund.
Dertien oude kanonneerboten zijn afgekeurd en in publieke veiling verkocht, daar zij geheel onbruikbaar waren.
Wat nu de samenstelling van de marine in Oost-Indië betreft uit vaartuigen, welke niet behoeven te worden afgelost, zij vooraf gezegd, dat de bouw van deze vaartuigen in Europa een bron van gedurige gebreken en grote kostbaarheid oplevert.
In de residentie Rembang wordt sedert lang de scheepsbouw op een grote schaal uitgeoefend. Vroeger waren zelfs drie werven in Rembang, namelijk te Dassoen (Lassem), te Bantjar en een in de hoofdplaats Rembang.
Het djattihout, voornamelijk de soorten bekend onder de naam minjak en soenggoe, is als het ware onverslijtbaar en beter bestand tegen de uitwerking van het klimaat dan Europese houtsoorten.
Van al deze werven is slechts die te Dassoen overgebleven; het opheffen van de andere werven moet voornamelijk worden toegeschreven aan het sluiten van de gouvernementsbossen in de nabijheid, welke voor het grootste gedeelte zijn uitgekapt.
Naar het oordeel van met deze aangelegenheid bekende ambtenaren en particulieren, welke daarover zijn geraadpleegd, schijnt geen bezwaar te bestaan tegen het verkrijgen van hout van zwaardere afmetingen, hetwelk vereist zou worden om stoomvaartuigen als de ETNA te bouwen; men zal het wellicht van groter afstand moeten aanvoeren, en daarom zou het doelmatig kunnen zijn, een werf aan te leggen in de nabijheid van de monding van de Solorivier; aldaar is de grote stapelplaats van de gouvernement houtwaren; of aan de mond van de rivier Loessi, in het Samarangsche, werwaarts het uitmuntend djattihout van Blora wordt afgevoerd. De JAVAAN is gebouwd met hout van Blora en is na 36 jaren nog in de vaart. De rompen kunnen 2 à 3 malen langer duren wanneer zij van djatti in stede van Europees hout worden gebouwd. Men zal daarover niet verder behoeven uit te weiden. Het is overbekend bij alle zeeofficieren, en de gedurige klachten van het Oost-Indisch bestuur leveren bewijzen te over, dat van de korte diensttijd welke zij in Oost-Indië doorbrengen, sommige oorlogsbodems een groot gedeelte in reparatie liggen. Andere kwamen, na een langdurig verblijf in Indië, lek en uit elkander gewerkt, niet zonder gevaar en na aan de Kaap te hebben getimmerd, in Nederland terug, om er te worden gesloopt. Het fregat PRINS HENDRIK was na één station in Oost-Indië slechts tot sloping geschikt. Van de GRONINGEN is, volgens de laatste rapporten, wellicht niet veel beter te wachten. De GEDEH stond in 1860 5 maanden in het droge dok; de MERAPI had dit jaar 3 maanden nodig om zich te Onrust voor de reis gereed te maken en moet natuurlijk in Nederland een algemene vertimmering ondergaan.
(opm: bekort; uit de toelichting over de begroting van marine over 1862)


07 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 5 oktober. Het alhier van Porto Cabello en Caracca gearriveerd Nederlands schoenerschip ZEE-STER (opm: brik ZEESTER), kapt. R. Zoetelief, heeft op de reis de grote mast en steng verloren en andere schade aan het tuig bekomen.


08 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 2 oktober. Het Nederlandse stoomschip GIRONDE is met schade aan de schroef uit zee terug. Het moet in het dok om de schade te herstellen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een welbevaren Potschip, groot 13 ton, met zeil en treil en toebehoren, alsmede een Schip dat goed in orde is, voor een civiele prijs.
Te bevragen bij Johannes Hekkema te Metslawier.


09 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de zaal op de hoek Scheepmakershaven en Bierstraat te Rotterdam op dinsdag 8 oktober:
-  Nederlands barkschip ODILIA MARGARIETA, groot 627 tonnen, verkocht voor NLG 40.000 (opm: nieuwe naam FRANS EN ELISE; de prijs was echter NLG 34.000, zie NRC 101061); 1 chronometer à NLG 90 en 1 dito à NLG 50 verkocht.
-  1/24 Aandeel in het schip EDOUARD MARIE, voor NLG 250 verkocht.
-  Een dito aandeel, voor NLG 360 verkocht.
-  1/64 Aandeel in het schip WILLEM DE ZWIJGER, voor NLG 510 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 7 oktober. Het schip CATHARINA JOHANNA, kapt. P. Tobiassen, van Nerva, laatst van Dantzig, alhier binnen, heeft in de Zuiderhaaks vastgezeten en assistentie uit het Nieuwediep moeten inroepen om vlot te komen. Het schip bekwam daarvoor enige lekkage.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 5 oktober. Het schip ZELDENRUST, kapt. J. Houtsaager, van Hamburg naar Rotterdam, alhier lek binnengelopen, moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 8 oktober. Het Belgische schip HENRI JOSEPH, kapt. van der Steene, op de reis van Callao naar Queenstown te Rio-Janeiro lek binnengelopen, is aldaar afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin (opm: Szczecin), 7 oktober. De te Veendam thuis behorende schoener MARIA, kapt. R.J. Tunteler, van Girgenti op hier bestemd, is bij Koserow (opm: 54º30’ N.B. 14º 0’ O.L.) gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 4 oktober. De schoener ANNA CHARLOTTE (opm: buitenlander), van Skönvik naar Grangemouth, is geheel ontredderd door de equipage verlaten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 6 oktober. De schoener IDUNA, kapt. Holz (opm: buitenlander), van Koningsbergen met rogge naar Antwerpen, is 4 dezer ten zuiden van Amak aan de grond geraakt, doch kwam na ontlossing van een gedeelte van de lading vlot en is na nog een anker verloren te hebben, hier ter rede gearriveerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 september. Het te Amsterdam te huis behorende schip (opm: fregat) VAN GALEN, kapt. C.B. Brandligt, van Java naar Amsterdam, is hier 6 augustus lek en wegens ziekte van de equipage binnengelopen. Het schip heeft gedurende de reis veel slecht weer ondervonden en maakte op zee 8 à 10 duim water per uur. De lading was 3 dezer gelost en van dezelve zijn slechts 30 balen rijst en 20 kanassers suiker beschadigd bevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 6 september. Het alhier met schade binnengelopen Nederlandse schip (opm: fregat) WILHELMINA LUCIA, kapt. D.R. Nolles, van Batavia naar Amsterdam, is thans bezig met de koperhuid te vernieuwen, terwijl met het inzetten van de nieuwe masten de meeste spoed gemaakt wordt. De lading waarvan maar 200 balen rijst lichtelijk beschadigd zijn, is overigens in goede staat gelost. Aan boord is alles wel.


  JB - Javabode

Op de 3e september kwam de roerganger, tevens gezagvoerder, van de inlandse schoener KEMAL BRINGIN, toebehorende aan de Benkoelees Soewdaij, komende van Batavia en bestemd voor Benkoelen, de resident kennis geven van het stranden van dat vaartuig aan de Lampongse kust (opm: Zuid-Sumatra), bandarschap Pedada. Door de resident is onmiddellijk last gegeven om te trachten de lading te redden en die naar de hoofdplaats te brengen.


  JB - Javabode

In Nederland geveilde schepen en scheepsparten:
Te Rotterdam op 13 augustus 1861:
-  Het schip (opm: bark) BROUWERSHAVEN, kapt. J.J. Bouman, gebouwd in 1841, groot 316 lasten, voor NLG 19.400 verkocht.
Te Rotterdam op 20 augustus 1861:
-  Het schip ANTHONIA GEERTRUIDA (opm: bark ANTONIA GEERTRUIDA), kapt. S. de Boer, gebouwd in 1857, groot 367 lasten, voor NLG 56.000 verkocht aan de rederij Gebr. Goedkoop te Amsterdam.
Te Amsterdam op 19 augustus 1861:
-  1/16e Part in het schip ANNA MARIA HENRIETTE (opm: schoener ANNA MARIA HENRIETTA, kapt. D. Gollards, gebouwd in 1854, groot 101 lasten: niet geveild.
-  1/140e Part in het schip (opm: bark) NIEUW LEKKERLAND, kapt. M.B. Hoffman, gebouwd in 1842, groot 351 lasten, voor NLG 115 verkocht.
-  Vier aandelen elk à NLG 1.000 in de Reederij-Societeit bij J. Rahder & Co; niet geveild, zijnde uit de hand verkocht.
Het schip (opm: bark) JAN VAN BRAKEL, vroeger in veiling verkocht aan de reder J. van Delft te Overschie, is thans genaamd HELENA en gevoerd door kapt. J.A. van Winkel.
Het schip (opm: bark) HERMAN, kapt. M. van Velthoven, wordt thans genaamd JOHANNA ELISABETH en gevoerd door kapt. N. Burhoven Junius.


  JB - Javabode

Advertentie. Op vrijdag de 25e oktober 1861 zullen de ondergetekenden ten 11 ure precies publiek verkopen, voor rekening van wie zulks moge aangaan, het Nederlands gekoperde en kopervaste barkschip CANTON, gevoerd door kapt. J. Kettler, metende 206 lasten, met staand en lopend tuig, zeilen, ankers en kettingen, sloep, scheepsprovisiën en deszelfs gehele inventaris, zoals die zich thans aan boord bevindt, waarvan inzage te bekomen is bij de ondergetekenden.
Cassalette & Co.


10 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 8 september. Zr.Ms. kanonneerboot No.32, commandant Mansvelt, is naar Terschelling gezeild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stettin, 7 oktober. De Nederlandse kof MARIA, kapt. R.J. Tunteler, van Licata naar Stettin – zie ons nommer van gisteren – is vlot gekomen en in Swinemünde binnengebracht. Het schip is zo lek, dat het met moeite boven water te houden is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Verbetering. In ons nommer van gisteren stond het barkschip ODILIA MARGARIETA abusief als verkocht voor NLG 40.000. Dit moet zijn NLG 34.000.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cargalijsten
-  WIJBRANDINA REINA, kapt. Brons, van Nerva te Rotterdam met 428 stuks balken en 390 stuks sparren. Adres: A. van Stolk & Zn.
-  CASTOR, kapt. R.R. de Jonge, van St. Petersburg te Amsterdam met 907 tschetwert rogge. Aan order.
-  BURGEMEESTER HUIDEKOPER (stoomschip), van Stettin te Amsterdam, met 103 last raapzaad, adres Eitzbacher & Co; 41 zakken erwten, adres Merrem & Co; 56 zakken erwten, adres B.J. Hasenclever & Co; 650 zakken meel, aan order.
-  FOKKELINA, kapt. Alberts, van Stralsund naar Amsterdam met 25 last koolzaad, adres Eltzbacher & Co.
-  AMSTERDAM (stoomschip), van Hamburg naar Amsterdam, met 362 zakken boekweit en 54 zakken erwten, adres A. Engels; 922 zakken gerst, adres G.A. Cramer; 300 zakken meel, aan order.
-  BROUWERSHAVEN, kapt. Riedijk, van Newcastle naar Zierikzee met een lading steenkolen. Adres: H.A. van IJsselsteijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op nader te bepalen tijd en plaats, zal in de maand november aanstaande, publiek worden geveild: het snelzeilen Nederlands gezinkte schoonerschip HEILINA JACOBA, groot 126 ton, gevoerd geweest door kapitein A.G. Boomgaard en thans liggend te Antwerpen. Informatiën zijn intussen te bekomen bij B. Onnes en Zn.
Groningen, 8 oktober 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, contant: het in den jare 1844 uitgehaalde en goed onderhouden kofschip de HOOP, groot 96 ton, met complete inventaris, gevoerd door kapitein A. Jonkhoff en liggend in de Noorderhaven te Groningen, alwaar hetzelve dagelijks te bezichtigen is. Informatiën zijn te bekomen bij genoemde kapitein aan boord of aan deszelfs woning te Groningen, aan de Cingel.


11 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. A. Roland Holst, makelaar, zal op maandag de 28e oktober 1861, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, ten overstaan van de notaris J.G. Jager, verkopen een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast brikschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CHRISTIAAN LOUIS, gevoerd door kapt. A.M. den Exter van den Brink; volgens meetbrief gemeten op 232 tonnen of 122 lasten. Liggende in het Oosterdok aan de dijk. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar of bij de cargadoors van den Bey & Co.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door sterfgeval uit de hand te koop: een wel onderhouden Schuiteschip, groot 29 ton, met beste inventaris. Te bevragen bij J.H. Tadema te Surhuizum; alsmede een open praam, groot 5 ton. Des verkiezende zal een gedeelte der koopsom, onder voldoende borgstelling, er onder kunnen verblijven.


12 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 oktober. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 9 schepen als:
Voor Rotterdam: CORNELIS ANTHONIE, kapt. R.J. Reynders; JANNETJE, kapt. D. Blokziel; JOHANNES LODEWIJK, kapt. A.H. de Waal.
Voor Amsterdam: CORNELIA, kapt. J.H. Witt; MATHILDA, kapt. J.H. Fekkes; ORTELIUS, kapt. F.H. Groote; INDIA PACKET, kapt. G. Diepering.
Voor Middelburg: MARINUS WILLEM, kapt. P. van Duyn; ZEEPAARD, kapt. T. Tjebbes.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het wel onderhouden kofschip JACOBA, gevoerd door kapitein B.P. Teensma, groot 57 zeetonnen, met een complete inventaris, liggende in de Zuiderhaven. Te bevragen bij de eigenaar aan boord of bij Wijnne & Barends, cargadoors, Noorderhaven.


13 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 5 oktober. Het schip LOUISE HELENA, kapt. S.R. van Aggen, van hier naar Amsterdam bestemd en zeilklaar ter rede liggende, is gepasseerde nacht plotseling zeer lek geworden en hedenmorgen met 5 voet water in het ruim in de haven gehaald, waar de lading gelost wordt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Deal, 11 oktober. Het Nederlands schip (opm: kof) JONGE WILLEM, kapt. J.J. Pieper, van Galatz naar Antwerpen, heeft ten gevolge van aanzeiling, zulk een zwaar lek en andere schade bekomen, dat men genoodzaakt was, het schip bij de 2e batterij alhier op strand te zetten.


14 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 11 oktober. Het Nederlandse schip JONGE WILLEM, kapt. J.J. Pieper, van Galatz naar Amsterdam, dat gisteren alhier in de nabijheid op strand werd gezet – zie ons nommer van gisteren – is vlot en hier binnen gebracht. Het schip is zeer lek en heeft andere belangrijke schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 13 oktober. Kapt. L.J. Wilhelmie, voerende het Nederlandse schip (opm: bark) JOHANNA MARIA, alhier binnen, rapporteert 21 augustus op 0º58’ N.B. en 20º58’ W.L. in zinkende staat te hebben zien drijven het Engelse schip HERO, waarvan hij de equipage heeft gered en alhier aangebracht.


16 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 12 oktober. Het Nederlandse schip (opm: kof) DRIE GEZUSTERS, kapt. L. van ’t Hoff, van Newcastle naar Rörvig, is alhier in de nabijheid aan de grond gevaren, doch werd met adsistentie vlot en hier zeer lek binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 28 september. Het Belgische stoomschip CONGRÈS, kapt. Luning, van Antwerpen alhier aangekomen, heeft de 30e augustus op 48º15’ N.B. en 32º2’ W.L. een hevige storm doorgestaan en daardoor zware schade aan de schroef bekomen.


  JB - Javabode

Advertentie. Vendutie door John Pryce & Co op maandag de 21e oktober 1861, ten 9 ure, op ’s Lands werf van de oorlogsbrik REMBANG, met mastgestel, tuig, anker en ketting, zoals het schip thans ligt aan het Marine Etablissement te Onrust. Daarna van de afgekeurde inventarisgoederen van die bodem.


  JB - Javabode

Het Nederlands-Indische barkschip BABOEL HAER, gezagvoerder Sech Achmad bin Oemer Fagi, toebehorende aan Sech Said bin Awab Boezet te Soerabaija, klaarde op de 24e augustus ter hoofdplaats Benkoelen uit, bestemd voor Batavia, doch ter hoogte van Kroë lek geworden zijnde, kwam dit vaartuig de 31e augustus in de Poeloe Baai terug. Na gerepareerd te zijn is het schip de 20e september weder van daar vertrokken.


  JB - Javabode

Samarang, 11 oktober. Sedert lang werd op Java de heer W. Cores de Vries bij uitnemendheid erkend als de man van vooruitgang en bevordering van de grondslag van beschaving: gemakkelijke en goedkope communicatie. Aan zware banden liggende, konde deze dappere industrieel zelden doen wat hij wenste en moest en zo gaarne gedaan zoude hebben. Eindelijk schijnen hem de handen vrij te zijn en dadelijk maakt hij er gebruik van. Van af 15 oktober zullen passagiers der 1e klasse betalen op de boten van de heer W. Cores de Vries NLG 60 van Samarang naar Batavia, en naar Soerabaija NLG 50, dus een belangrijke vermindering van 40 à 50%. Wij geloven dat deze prijsvermindering voor de passagiers een grote vermeerdering van inkomsten zal opleveren voor de onderneming om de bepaalde vermeerdering van passagiers, wier getal daardoor zal toenemen.


17 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramgate, 14 oktober. Het alhier in averij binnengebrachte Nederlandse schip JONGE WILLEM, kapt. Pieper, is begonnen met de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 14 oktober. Het Nederlandse schip (opm: kof) GARONNE, kapt. C. Bakker, van Rotterdam alhier gearriveerd, is in beslag genomen en kapt. Bakker tot GBP 24.14/9 boete veroordeeld wegens aan boord gevonden tabak, sigaren en rum (opm: contrabande), in bezit van genoemde kapitein.


  AH - Algemeen Handelsblad

Uitgezeild.
Termunterzijl, 8 oktober. TRIJNTJE DOORNBOS, kapt. K.J. Middel, naar Noorwegen.


18 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 16 oktober. De Nederlandse stoomboot RHÔNE, kapt. W.J. Wilkens, heden van Malaga op de rivier aangekomen, heeft bij Broadstairs (opm: 51º21,5’ N.B. 1º27’ O.L.) aan de grond gezeten, doch is zonder assistentie vlot gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 15 oktober. De lading lijnzaad, van het alhier in averij binnengelopen Nederlandse schip JONGE WILLEM, kapt. J.J. Pieper (opm: kof, kapt. Pijper), van Galatz naar Antwerpen, is zwaar beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Scilly, 15 oktober. Het schip MARGUÉRITE, kapt. Schroorei, van Antwerpen naar Santander, is alhier lek en met verlies van zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 augustus. Het schip (opm: bark) CORNELIA MATHILDA, kapt. P. Snoei, van Manilla alhier aangekomen; heeft schade en moet repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 31 augustus. Vrachten. Deze verkeren voortdurend in een vaste stemming, en alle schepen die ter vervrachting disponibel komen, vinden tot hoge vrachten grif nemers. De volgende Nederlandse schepen vonden emplooi: GRAAF VAN HEIDEN REINESTEIN (507 ton) kreeg NLG 115, voor suiker te Soerabaja en Passaroeang en NLG 110 voor koffij te Samarang naar Amsterdam. STAD DOCKUM bedong dezelfde vrachten te Tagal en Samarang te laden naar Amsterdam. JHR. MR. VAN DE WALL VAN PUTTERSHOEK bedong NLG 120 voor suiker in kranjangs en zakken en NLG 115 voor koffij te Soerabaja, Passaroeang en Samarang te laden naar Amsterdam. JEDO werd opgenomen voor Rotterdam tot NLG 120 voor suiker, NLG 115 voor koffij, NLG 130 voor huiden en andere lichte goederen hier en te Samarang te laden.
Onbevracht blijven de Nederlandse schepen JOHANNES ANTHONIUS en CORNELIA MATHILDA. De CORNELIA MATHILDA moet nog te Soerabaja repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 16 oktober. Volgens bericht uit Fredrikstad van de 10e dezer is tijdens de hevige stormen, die aldaar gewoed hebben, het kofschip DE GOEDE HOOP, kapt. J.F. Naatje, in Fredrikstad in de laag gezonken (opm: voor ten anker, en achter met trossen kruislings op de wal afgemeerd), en ofschoon vier andere schepen beproefd hadden het weer boven te brengen, had het nog niet mogen gelukken (opm: zie LC 181061 en NRC 021161).


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 16 oktober. Heden is hier bericht ontvangen, dat het te Pekela te huis behorende kofschip de HOOP (opm: GOEDE HOOP, zie NRC 181061), kapt. J.F. Naatje, op de kust van Noorwegen is gezonken. De manschap is gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een open Praam, groot 7 ton; benevens een nieuwe kunst draaibank, met gereedschappen.
Te bevragen bij C.K. Post, te Sint Anna Parochie. Brieven franco.


19 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 oktober. De Nederlandse driemastschoener EGBERDINA ANNECHINA, kapt. Drent (opm: driemast kof EGBERDIENA ANNECHIENA, ex CORNELIUS DASSE VIËTOR, kapt. Egbert Hindriks Drenth), met hout van Dantzig (opm: Gdansk) naar Frankrijk, welke ten zuiden van Amager aan de grond was geraakt, is na ontlossing van de deklast vlot gekomen en alhier lek in de haven gebracht. Het moet lossen om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 14 oktober. Het Nederlandse kofschip ALIDA, kapt. H.J. Sprik, van Rotterdam in ballast naar de Oostzee, is gisteravond bij Aalbeck aan de grond geraakt, doch des nachts met assistentie van bergers weer afgekomen en heeft, geheel dicht gebleven zijnde, de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dragoe, 14 oktober. Een Nederlandse kof, met tarwe van Dantzig naar Kopenhagen bestemd, is bij Kastrup gestrand. Nadere bijzonderheden ontbreken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Melbourne, 24 augustus. Het schip (opm: fregat) TELEGRAPH, kapt. P.B. Rolufs, van Ilo Ilo alhier gearriveerd, heeft de mast gebroken en moet een nieuwe inzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Melbourne, 24 augustus. Het schip (opm: fregat) OCEAAN, kapt. D. Herderschee, 23 juli van Rotterdam alhier aangekomen, zal op de slip halen, om nagezien te worden.


  JB - Javabode

Advertentie. Verkoop van een schip. Op een nader te bepalen dag zal te Soerabaija door D.D. van Boekholtz publiek worden verkocht, met authorisatie van de Franse consulaire agent alhier, het Franse schip ROSE MARIE LOUISE, groot 221 gemeten tonnen, geladen diepgaande 14 voet, gezagvoerder Garnan, met deszelfs masten, stengen, raas, staand en lopend want, ankers, kettingen en een stel zeilen, zo als hetzelve alhier ter rede is liggende, zullende de overcomplete inventaris afzonderlijk worden verkocht.
Nadere informatiën te bekomen bij de agenten Fraser, Eaton & Co.
(opm: zie JB van 13 november 1861)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het wel onderhouden kofschip JACOBA, gevoerd door kapitein B.P. Teensma, groot 57 zeetonnen, met een complete inventaris, liggende in de Zuiderhaven. Te bevragen bij de eigenaar aan boord of bij Wijnne & Barends, cargadoors, Noorderhaven.


20 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 18 oktober. Het schip (opm: schoener) HERWIJNEN, kapt. Blomberg, van Newcastle alhier binnen, is bij Kijkduin in aanzeiling geweest met een Deense schoener, heeft daardoor zware lekkage bekomen en pompers aan boord tot assistentie.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 oktober. De Amsterdamse kof VIJF GEZUSTERS, kapt. H.C. de Jonge, van Stockholm met tarwe op hier bestemd, is bij Kastrup gestrand en zit vol water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Triëst, 14 oktober. Het schip (opm: schoener) SCHURINGA, kapt. H.O. Engelsman, gisteren alhier van Rotterdam gearriveerd, heeft 12 september bij Kaap Spartel anker en ketting verloren.


22 oktober 1861


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Voor enige dagen ontvangen wij het volgende treurige bericht. Onze broeder Abel Jans Vos, stuurman bij kapitein A. Metus, op de schooner ELISABETH, had op 24 augustus van dit jaar, op reis van Sunderland naar Oporto, bij het uitbrengen van de kluiverboom het ongeluk om buiten boord te vallen. Op zijn geroep om hulp werden alle pogingen in het werk gesteld om hem te redden, doch tevergeefs, want eer men hem een touw kon toewerpen, was hij reeds niet meer. Hij had slechts de ouderdom van 25 jaren en 19 dagen bereikt. Welk een indruk zijn verlies op ons heeft gemaakt, zal een ieder die hem gekend heeft, zich wel enigermate kunnen voorstellen.
Farmsum, 21 october 1861               Uit naam van mijn broeder en mijn zuster,
K.J. Vos.


23 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 19 oktober. Het stoomfregat LEEUWARDEN is, gelijk reeds per telegraaf werd gemeld, heden omstreeks half twee statig te water gelopen, te midden van een grote menigte toeschouwers, om, zo de voorspellingen van de minister mochten vervuld worden, nog eens voor het laatst dergelijk schouwspel bij te wonen. De LEEUWARDEN is in grootte als anderszins gelijk aan de DJAMBI; voorts staan nog op stapel de CURAÇAO van de derde, de AERT VAN NES en de DEN BRIEL van de 4e klasse.
Op een zeer eigenaardige wijze waren de tribunes opgericht, op het deze zomer te water gelaten stoomschip ADOLF VAN NASSAU. Het behoeft niet gezegd te worden, dat de opheffing van de marine-etablissementen bij rijk en arm het gesprek van de dag is; trouwens, de gehele ondergang van het thans bloeiende Vlissingen, gaat er mee gepaard.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 21 oktober:
-  Nederlands fregatschip ARGUS. NLG 24.500. In slag NLG 1.400. Opgehouden.
-  Nederlands fregatschip CORNELIS HOUTMAN: NLG 16.600. Idem. (opm: zie JB 251261)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 oktober. Gisteren middag zijn ter hoogte van Alkmaar in het Noord-Hollandsch Kanaal met kracht tegen elkander in gelopen een lichterschip en het stoomschip BERENICE. Eerstgenoemd vaartuig is gezonken en de opvarenden hebben met moeite hun leven kunnen redden. De BERENICE vertrok de 20e dezer uit Texel naar St. Petersburg.


  JB - Javabode

In Nederland geveilde schepen en scheepsparten.
Te Rotterdam de 27e augustus 1861:
-  Schip JOHANNA EN GEERTRUIDA, kapt. Flens (opm: de bark JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Flens Jzn), gebouwd in 1855, groot 364 lasten, voor NLG 62.500 verkocht aan de rederij A. van Hoboken & Zn te Rotterdam. (opm: herdoopt in AEOLUS).
Te Amsterdam de 2e september 1861:
-  Het schip (opm: bark) CELERITAS, kapt. G.A. Wagner, gebouwd in 1840, groot 160 lasten, voor NLG 10.350 verkocht.
Het schip (opm: inmiddels vertuigd tot bark) AMAZONE, kapt. J. Abbink, gebouwd in 1852, groot 229 lasten, is uit de hand verkocht, men zegt voor NLG 13.500, aan een Amsterdamse rederij (opm: naar A. Kuyper van Harpen & E. Sanders, Amsterdam).
Het schip (opm: bark) SOPHIA ELISABETH, gevoerd geweest door kapt. S.F. van der Hoef, is uit de hand verkocht aan de rederij Insinger & Co te Amsterdam (opm: verdoopt in KROONENBURG).


24 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 23 oktober. De stoomboot LEVANT, uitgaande, heeft een defect aan de schroef en is aan de Marinehaven gehaald om te herstellen. (opm: de LEVANT vertrok op 27 oktober van Hellevoetsluis naar Havre)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Penzance, 16 oktober. Gister is alhier in de baai gevist, een fles, inhoud een papier, waarop het volgende geschreven was: In het Kanaal, 7 october 1861, schip LANDBOUW, kapitein Kleijnenborg, alles wel.


25 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Plymouth, 22 oktober. Het Nederlands schip (opm: bark) ELISE SUSANNE, kapt. L.E. Grafthuis, van Rangoon naar Rotterdam, is alhier wegens ziekte der equipage binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Zes scheepstimmerknechten kunnen dadelijk werk bekomen bij D. & L. Alta te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Alle diegene, welke iets te vorderen hebben van of verschuldigd zijn aan de onder voorrecht als boedelbeschrijving aanvaarde nalatenschap van wijlen Nanning Pronk, in leven scheepstimmerman, gewoond hebbende onder Almenum (opm: gehucht zuuidoostelijk buiten de vesting Harlingen) en aldaar overleden de 30e september 1861, worden verzocht daarvan opgave of betaling te doen ten kantore van de notaris J.A. Zaal Stroband te Harlingen, voor of op 31 oktober e.k.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: ½ in een geoctrooieerd Veer, varende tweemaal ’s weeks in de vaste beurt van Heerenveen op Leeuwarden.
Te bevragen bij de eigenaar K.IJ. Brouwer. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: 2 Tjalkschepen, 1 groot 25 ton, met inventaris, en 1 groot 77 ton, Nader informatie te bekomen bij A. Berkmeijer, buiten de A-poort, te Groningen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Munnik te Joure zal op maandag de 4e november 1861, des avond 7 ure, in het Tolhuis te Joure, in veiling brengen: een best bestaangevende, goed onderhouden, sterk Veerschip, groot 18 ton, varende in de beurt van Joure op Franeker en Harlingen en terug, met complete inventaris, en wel zodanig, als gemeld veer in eigendom is behorende en gedurende een tijdvak van ruim 30 jaren door Douwe H. Hoekstra als geadmitteerd beurtschipper bediend is geworden. Aanvaarding dadelijk bij de finale toewijzing.
(opm: LC 081161 meldt dat NLG 3.100 was geboden)


26 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia en Soerabaja voor goederen en passagiers, het nieuw gebouwde gekoperde Nederlandse clipper-fregatschip ORANJE NASSAU, kapt. G. Strang van Hees, opzettelijk voor snelle zeilage gebouwd en voor de overvoer van 1e en 2e klasse passagiers met alle gewenste gemakken, ruime en luchtige hutten ingericht, voerende een geëxamineerde scheepsdokter en voorzien van een melkgevende koe. Adres bij de cargadoors P.A. van Es & Co te Rotterdam, Oolgaardt & Bruinier te Amsterdam en Roelants & Co te Schiedam. (opm: eerste reis)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 23 oktober. De schoener PATRIOT, kapt. Edwards, is alhier aangekomen om een gedeelte van de lading lijnzaad in te nemen van het Nederlandse galjootschip JONGE WILLEM, kapt. J.J. Pijper, van Galatz naar Antwerpen, de 11e dezer met schade alhier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. B. van Rossem, makelaar, zal op maandag de 28e oktober 1861, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ ten overstaan van de deurwaarder B.D. Beets, verkopen: een extra ordinair welbezeild, gekoperd en kopervast barkschip varende onder Nederlandse vlag, genaamd, ANTOINETTE SERAPHINE, gevoerd door kapt. A. Viëtor, volgens meetbrief lang 31 ellen 70 duimen, wijd 7 ellen 51 duimen, hol 4 ellen 64 duimen, en alzo gemeten op 373 tonnen of 197 lasten zijnde in februari j.l. te Soerabaja belangrijk gerepareerd. Breder volgens inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar of bij de cargadoors Schrijver en Van Rossem.


28 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zutphen, 25 oktober. De tweede stoomboot, welke de Deventer Stoomboot-Maatschappij op de werf van de heer P. van Vlissingen te Amsterdam heeft besteld, zal op de 28e oktober e.k. van stapel lopen. De boot, door gemelde maatschappij reeds tussen Deventer en Rotterdam in dienst, was hoewel 40 last goed ladende, niet toereikend om het toenemend goederenvervoer vooral van Engeland over Rotterdam voor Twente en het graafschap Zutphen te expediëren, waarom de handel met belangstelling de komst van de tweede boot tegemoet ziet, welke de naam van PAUL VAN VLISSINGEN zal dragen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 27 oktober. Volgens alhier ontvangen bericht zit op de Ooster een vaartuig aan de grond. Men kon niet onderscheiden of het een brik of schoener was.


29 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 28 oktober. Op Scheelhoek zit aan de grond de Noorse bark ARGO, kapt. Larsen, van Frederikshaven met balken naar Dordrecht. Het schip heeft assistentie bij zich.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 28 oktober. Het schip gisteren als op de Ooster aan de grond zittende gemeld, was het galjasschip 3 SODSKENDE, kapt. Andersen, te Sonderburg te huis behorende en van Anclam met granen naar Antwerpen bestemd. De kapitein en equipage is, met uitzondering van twee man, die bij het verlaten van het schip vermist zijn, gisterenavond met de boot te Renesse aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. Met de MACASSAR, de 10e september van Padang gearriveerd, is te Batavia aangekomen de generaal-majoor A. Meis, laatstelijk gouverneur van Sumatra's Westkust, die met verlof naar Nederland vertrekt. De stoomboot heeft onderweg gebrek aan kolen gekregen, veroorzaakt door slecht weer en ten gevolge daarvan oponthoud tussen Padang en Benkoelen, en heeft zich, na op Kratakau in Straat Sunda hout gekapt te hebben, naar Anjer moeten begeven om daar kolen in te nemen, hetgeen oorzaak is geweest dat zij elf dagen reis heeft gehad.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 29 augustus. Wij vernemen dat de gouvernementsstomer BRONBEEK de reis van Soerabaja naar Batavia (opm: ca. 370 mijl) heeft afgelegd in de korte tijd van 44 uren. Dit vaartuig is gebouwd te Dassoon op de timmerwerf van de heren Nering Bögel en Dunlop; de werktuigen, ketel en toebehoren zijn geleverd door de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij te Rotterdam en vervaardigd op de fabriek te Fijenoord. Het stellen van de machinerieën en ketel, alsmede het voor de dienst gereedmaken van de BRONBEEK werd in een zeer kort tijdsverloop bewerkstelligd door de fabriek voor de marine en het stoomwezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 september. Vrachten hebben zich op de vorige koersen gesoutineerd (opm: gehandhaafd), doordat slechts weinig disponibele schepen binnen vielen. Sedert vorig bericht werden nog gecharterd te Semarang ter opvulling de JOHANNES ANTHONIUS met koffij à NLG 115, suiker à NLG 120 en lichte goederen à NLG 130 naar Rotterdam. De DILIGENCE (Nederlands) NLG 120 voor suiker om hier, te Cheribon en Samarang te laden naar Amsterdam.
Thans blijven nog onbevracht de Nederlandse schepen CORNELIA MATHILDA, MARIA VERONICA en MARY GODDARD.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. J.W. Quintus, notaris te Groningen, zal op vrijdag 15 november 1861, des avonds te 7 uur, ten huize van de koffiehuishouder J.E. Tiddens, in het huis de Beurs te Groningen, publiek worden verkocht: het in de jare 1858 nieuw uitgehaalde gezinkte schoonerschip HEILINA JACOBA, groot 126 zeetonnen, met complete inventaris, zoals hetzelve in eigendom is bevaren door kapitein A.G. Boomgaard en thans is liggende te Antwerpen. Informatiën zijn te bekomen ten kantore de heren B. Onnes & Zn te Groningen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Verwer te Makkum zal maandag 4 november 1861, namiddags 2 uur, in het Schippershuis aldaar, finaal verkopen: een overdekt snikschip, groot 10 ton, met daarbij behorende inventaris; laatst gebruikt en zeer geschikt tot vervoer van aarde; dadelijk te aanvaarden, liggende aan de werf van Bakker te Makkum.


30 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 28 oktober:
-  Fregatschip JUPITER NLG 28.000. In slag NLG 50. Opgehouden. (opm: het schip werd alsnog naar Liverpool verkocht, met behoud van naam)
-  Brikschip CHRISTIAAN LOUIS NLG 2.500. In slag NLG 1900.
-  Barkschip ANTOINETTE SERAPHINE NLG 11.000. In slag NLG 1.200 (opm: kopers in Drammen, nieuwe scheepsnaam RJUKAN).
-  Paviljoenschip VROUW GEESJE NLG 2.300. Opgehouden.
-  1/40 Aandeel in het brikschip JACQUELINE EN ELISE NLG 25. In slag NLG 10.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 29 oktober. De ARGO, kapt. Larsen, op Scheelhoek aan de grond, heeft deklast gelost en zal vermoedelijk met het aanstaande hoog water vlot komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 28 oktober. De alhier gearriveerde schepen ZWAANTINA, kapt. Nieboer en ALIDA GIEZEN (opm: kof), kapt. P.H. Nieland, zijn met elkander in aanzeiling geweest. Eerstgenoemde heeft daardoor boegspriet, grote steng en bezaansmast gebroken en nog meer andere schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De burgemeester/strandvonder van de gemeente Loosduinen, als daartoe gematigd, is voornemens, ten overstaan van de notaris Schiefbaan, op dinsdag de 5e november 1861, des ochtends te 9 ure precies voor het gemeentehuis te Loosduinen, publiek à contant te verkopen: enige masten, een sloep, rond- en wrakhout en verdere aangespoelde voorwerpen, alles afkomstig van de gestrande brik de STAD VLISSINGEN (opm: zie NRC 020761).


  JB - Javabode

Van Timor meldt men: de 31e augustus arriveerden ter hoofdplaats (opm: van Timor) zes schipbreukelingen, welke voorgaven te zijn de gezagvoerder, twee stuurlieden en drie opvarenden van de buiten Straat Torres gezonken brik AMELIA BREILLAT, en welke de 5e september gevolgd werden door nog vier manschappen van dezelfde bodem. Zes dezer lieden vertrokken per Engelse bark STATELY, gezagvoerder Michael Wycherley, naar Sydney, als zijnde de plaats van waar zij gekomen waren, terwijl twee hunner naar Mauritius gingen per Engelse bark NORMAN, gezagvoerder Francis Orfiur, en twee anderen voorlopig te Koepang achter bleven.


31 oktober 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Kapt. Markus (opm: C. Marcus), voerende het barkschip VAN DER PALM, 20 augustus van Batavia te Soerabaja gearriveerd, om aldaar het restant van zijn lading te lossen, meldt van daar, dat de VAN DER PALM de 10e augustus des avonds ten 11 ure, op het noorderrif van Boompjes-eiland aan de grond was geraakt. Onmiddellijk had men de boten te water gebracht en een werpanker uitgebracht, doch niettegenstaande alle krachten werden ingespannen, gelukte het eerst des nachts om 2 uur het schip vlot te brengen. Het werpanker en een gedeelte van de tros ging hierbij verloren. Het schip werd bevonden lek te zijn, makende 1½ duim water in het uur, zodat men besloot het bij arrivement te Soerabaja te kielen. Hieraan het nodige gevolg gegeven zijnde, bevond men dat er aan bakboordzijde 30 bladen koper waren verloren en twee planken onder het vlak gebroken, terwijl het daardoor ontstane gat door koraal was gevuld geworden. De loze kiel was geheel weg. De vaste kiel op twee plaatsen vier duim ingesplinterd en verder zwaar beschadigd, terwijl de onderste roerhaak gebroken was. Aan stuurboordzijde waren plm. 80 bladen koper – samen dus ca. 110 bladen – verloren en drie planken onder het vlak, op de kant van een wrang, op de hoogte van het grote luik, gebroken. De VAN DER PALM moest dus opnieuw worden gekoperd en de schade aan de kiel, het roer enz. worden hersteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Youghal (opm: Zuid-Ierland), 27 oktober. De Nederlandse schoener HENDRIKA GESINA (opm: kof HENDRIKA GEZINA), kapt. H.H. Kwint, van Ibraïl naar Cork, is bij Ballycotton (opm: 51º50’ N.B. 8º0’ W.L.) op strand geraakt, doch kwam na een gedeelte van de lading tarwe gelost te hebben vlot en werd in Ballycotton-Pier binnengebracht, waar zij nu verder lost (opm: zie NRC 021161).


  RC - Rotterdamsche Courant

Dantzig (opm: Gdansk) 27 oktober. Vertrokken ILBINA, kapt. Bloema, naar Rotterdam.
(opm: kof, ex-JONGE BRECHTUS, bouwjaar 1838, kapt. Ties Fokkes. Bloema, is sindsdien vermist; op 14 augustus was in Delfzijl een nieuwe monsterrol opgemaakt, waar behalve de kapitein [24] stuurman E.L. Oosterhuis [23] en de Farmsumers matroos Jan H. Smant [18] en kok Abel J. Veldman [17] waren aangemonsterd, die vermoedelijk allen zijn omgekomen)


01 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Koningsbergen, 23 oktober. De schoener OTTO, kapt. Hanneman (opm: buitenlander), de 6e augustus van Pillau naar Hull vertrokken, is, naar men verneemt, de 13e daaraanvolgende in de Oostzee verongelukt.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. Binnerts te Heerenveen zal op vrijdag de 8e november 1861, ’s voormiddag 10 uur, ten huize van J.G. Landman aan de Echtenerbrug onder Delfstrahuizum, publiek verkopen: een hecht en wel onderhouden Tjalkscheepje, groot 16 tonnen, met zeil en treil en verdere inventaris; laatst bevaren door wijlen Hendrik Cornelis Huisman.


02 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Youghal, 29 oktober. Het Nederlandse galjootschip HENDRIKA GESINA (opm: kof HENDRIKA GEZINA, zie NRC 311061), kapt. H.H. Kwint van Taganrog, laatst van Falmouth, naar Cork, te Bally Crinnan op strand geraakt, bevorens gemeld, is door een sleepboot afgebracht. Doch daar het roer en een gedeelte van de kiel daarbij verloren gingen en het schip veel water maakte, werd het nodig bevonden te Ballycotton binnen te lopen, waar het schip thans bij de kade ligt en een gedeelte van de lading lost. Men zal poging doen om de HENDRIKA GESINA alhier binnen te brengen, teneinde de nodige reparaties te bewerkstelligen. (opm: het schip werd aansluitend afgekeurd)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 31 oktober. Volgens alhier ontvangen tijding uit Fredrikstad is het kofschip GOEDE HOOP, kapt. J.F. Naatje, dat aldaar in de laag gezonken was (opm: zie NRC 181061 en LC 181061), weder boven water gebracht, doch is zwaar lek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 1 november. Heden arriveerde alhier het nieuw gebouwde galjootschip CORNELIA WILHELMINA, kapitein G. Hoeksma, van Schiermonnikoog, groot 100 last, gebouwd bij I.A. Hooites te Hoogezand.


  AH - Algemeen Handelsblad

Zoltkamp, 29 oktober. Binnengekomen RENSKE, kapt.  H.U. Pott, van Noorwegen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Onder dagtekening van de veertiende september 1861 worden o.a de volgende opgaven ontvangen van de bewegingen der schepen uitmakende het Nederlandse eskader in Oost-Indië:
December. Schoonerbrik MAKASSER, luitenant ter zee eerste klasse J.C.H. Clifford Coq van Breugel, de reparatiën aan die bodem aan het marine etablissement Onrust nagenoeg afgelopen zijnde, zal hij spoedig voor de dienst beschikbaar zijn.
December. Schroefstoomboot de VECHT, kapitein luitenant ter zee H.A. Modderman op 13 september uit Nederland ter rede van Batavia aangekomen en zal eerlang naar Sourabaya vertrekken.
December. Stoomschip ETNA, luitenant ter zee eerste klasse A.L. Palm, gestationeerd in de wateren van Celebes, is volgens de laatste berichten van de tocht naar Boni ter rede van Macassar teruggekeerd.
December. Stoomschip SURINAME, luitenant ter zee eerste klasse F.J. Abresch, behoort tot de zeemacht bij de expeditie in de Zuid- en Oosterafdeling van Borneo, volgens laatste berichten ter rede van Banjermasin.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 31 oktober. Aan brieven uit Curaçao van 7 oktober ontlenen wij het volgende. De Nederlandse Marine vertoont zich luisterrijk in onze schone haven. We hebben hier thans voor anker liggen: Zr.Ms. fregat met stoomvermogen, van 51 stukken en 500 man, de ZEELAND, commandant G. Fabius; de CORNELIS DIRKS, commandant Koopman; de VESUVIUS, commandant A. Schotborg; de DJAMBI, commandant Jansen en de schooner ATALANTE. Wij verwachten nog de STAD LEEUWARDEN, die op 2 augustus van Texel zou vertrekken en dus reeds hier had kunnen wezen.


03 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 1 november. Door de loodsboot No. 4, kapt. Duinker, is alhier aangebracht de equipage van de Engelse brik SHINCLIFFE, kapt. Flemming, van Sunderland met steenkolen naar 't Nieuwediep, welke hedennacht bezuiden Calandsoog gestrand is.


05 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Aangaande het schip (opm: bark) DRIE GEBROEDERS, kapt. H.B.A. Kramer, van Batavia herwaarts gedestineerd, met schade te Simonsbaai binnengelopen, wordt, volgens brief van de Kaap de Goede Hoop in dato 20 september, gemeld dat het na opnieuw gekoperd en verder gerepareerd te zijn, de volgende dag de geloste lading weer zou doen innemen. Van de lading waren 2.157 balen koffij en 918 kanisters suiker beschadigd bevonden en verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. De 8e september waren van boord van het schip MARIA ELISA (opm: bark MARIA ELISE), kapt. T. Schut, de 6e september van Cardiff aan de Tafelbaai gearriveerd, in een boot uit vissen gegaan de eerste stuurman T.F. Lammerts, de derde stuurman R. Jansen en twee jongens, genaamd L.A. van der Meer en G. Timmerman, waaromtrent sedert niets vernomen was. Later was aan de Kaapsche Punt een boot aangespoeld, die met bovengemelde veel overeenkomst had. (opm: zie NRC 301161)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het schip JOAN, kapt. Klijn (opm: brik, kapt. P.A. Klein), 29 augustus van Rotterdam te Buenos Aires aangekomen, heeft, volgens brief van daar van de 26 september, belangrijke schade aan romp en tuigage bekomen, wegens aanvaring met het Amerikaanse stoomschip MISSISSIPPI.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 4 november. Het gestrande schip ST. LOUIS, kapt. Privel (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Santos naar Rotterdam bestemd, zit nog steeds op dezelfde plaats. Het schip is nog dicht. De beide masten zijn gekapt en ankers en kettingen verloren. Van de lading heeft men nog niets kunnen lossen. De sleepboot UNION is hedenmorgen ter assistentie gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Norden, 1 november. De kof ARGO, kapt. Pien (opm: buitenlander), is bij Norderney gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ostende, 3 november. De Engelse bark SARAH HUNTLEY, van Sunderland naar Odessa, is bewesten deze haven gestrand en verbrijzeld. Van de equipage, die uit 12 man bestond, zijn er maar 2 gered.


06 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 3 november. De stoomboot DE STAD VLISSINGEN, gisterenmorgen van Rotterdam vertrokken, is eerst hedenmorgen ten 7 ure alhier aangekomen. De boot heeft de nacht in het Sloe doorgebracht, ten gevolge van het noodweer dat wij gisteren en heden nacht gehad hebben.
De storm heeft zich in onze omstreken zeer hevig doen gevoelen en veroorzaakte vele ongelukken. Drie schepen zijn er gestrand tussen Zoutelande en Westkapelle, waarvan twee totaal weg zullen zijn; een Engelse schooner zit op de Kaloot; een Engelse brik met steenkolen geladen, bestemd voor Middelburg, kwam alhier ter rede en zonk juist voor deze stad, gelukkig eerst nadat het volk nog even tijd had gehad om aan boord van een Nederlandse loodsboot over te gaan, die op de rede ten anker lag: de kapitein is echter vermist; de hier te huis behorende galjoot FRANÇAIS, kapt. A. van Eijk, is met veel averij 's avonds op Rammekens ten anker gekomen, men kan gerust zeggen als door een wonder gespaard gebleven.
Ook in de stad ondervonden wij de hevigheid van de storm. Het water, tot zeer hoog peil opgestuwd, bedreigde ons op onderscheidenen punten met overstroming, doch werd door spoedige en doeltreffende maatregelen in tijds gekeerd; de voormuur van het bruggenhoofd van de nieuw te bouwen basculebrug is onderloops geworden en geheel omgevallen; Zr.Ms. korvet PRINS MAURITS DER NEDERLANDEN, door het breken van de meerkettingen van zijn plaats in het dok gedreven, veroorzaakte en bekwam een lichte averij; terwijl voorts aan de waterstaatswerken, oesterput enz. aanzienlijke schade is toegebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 november. Aan de werf van de heer Jan Smit, te Slikkerveer, zijn dezer dagen de kiel en steven gelegd van een fregatschip, groot plus minus 800 lasten, van ongeveer de volgende afmetingen: lang 220 voet, wijd 42 voet en hol 30 voet. Wij vernemen dat dit schip hoezeer van hout gebouwd wordende, zoveel mogelijk van ijzeren verbanddelen zal worden voorzien. Het wordt gebouwd voor rekening van de heer F. Smit te Kinderdijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 5 november. Heden is van de scheepstimmerwerf van de heer F. Smit alhier, met goed gevolg te water gelaten, de ijzeren stoomboot STAD GEERTRUIDENBERG, bestemd tot vervoer van passagiers en goederen tussen Geertruidenberg en Rotterdam, ter vervanging van de thans in die dienst varende boot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het schip (opm: fregat) ECLIPSE, kapt. C.J. Doeksen, van Bombay naar Liverpool, is 4 dezer met schade aan de achtersteven te Milford binnengelopen, zijnde door het te Waterford te huis behorende stoomschip CERES aangevaren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 4 november: het kofschip BROEDERTROUW, NLG 3.050, in slag NLG 100, koper A.M. Balwé (opm: een makelaar, vermoedelijk voor zijn opdrachtgever).


07 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Het schip WILHELMINA LUCIA, kapt. D.R. Nolles, van Batavia herwaarts gedestineerd, te Mauritius met schade binnengelopen, had de 5e oktober de benodigde reparatie grotendeels ondergaan, zodat de lading weer ingenomen kon worden. De kapitein dacht in de loop van die maand tot vertrek gereed te komen. Aan boord was alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 5 november. Men heeft een aanvang met het lichten van de ST. LOUIS gemaakt, en er zijn heden met verschillende kleine vaartuigen omstreeks 1.000 balen koffij alhier aangebracht, die echter hier niet schijnen gelost te worden, maar wellicht zullen overgeladen worden in lichters voor Rotterdam. De stoomboot blijft bij de ST. LOUIS, ten einde, wanneer het schip voldoende zal gelicht zijn, te trachten het af te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 4 november. De Engelse schoener BLANCHE, kapt. Jones, van Engeland naar Brugge, is op de Caloot gestrand; de lading wordt gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sheerness, 4 november. Het alhier in averij binnengelopen Nederlandse barkschip CONSTANCE, kapt. M. Kimmerer, van Rotterdam naar Batavia, heeft de reparatie geëindigd en is uit het dok in de haven gehaald, waar men nu het detachement troepen, dat tijdens de reparatie op een van de alhier liggende oorlogsschepen gebivakkeerd heeft, weer aan boord neemt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 5 november. Het Nederlandse schip (opm: kof) SIENKE WIERSEMA, kapt. FJ. Borst, van Rouaan naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), is hedennacht lek en met verlies van zeilen alhier in de haven gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Liverpool, 2 november. Het schip de GOEDE VERWACHTING, kapitein Hillenius, van Amsterdam alhier aangekomen, is hedenochtend bij W.N.W. storm van ankers en kettingen geslagen en tegen de Woodside aanlegplaats gelopen, doch met verlies van twee ankers en 105 vaam ketting door een sleepboot weder in vlot water gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oostende, 2 november. De tjalk EJA, kapitein Bouma, van Londen met tarwe naar Amsterdam, is gisteren op de hoogte van West-Kapelle lek geworden en gezonken, doch het volk gered en alhier aangebracht.


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 3 november. De vorige dag is te Ostende met een visschers-vaartuig binnengekomen de ekipage (kapitein, zijn vrouw en twee man) van het Nederlandse tjalkschip EJA, kapitein Cornelis Banma (opm: Bouma), hetwelk op de hoogte van Westkapelle is vergaan. De EJA, te Groningen tehuis behorende, had Londen de 17e oktober verlaten met een lading tarwe, naar Amsterdam. Vrijdag morgen openbaarde zich in het schip een lek, en daar het graan de pompen verstopt had, kon men deze niet doen werken. De EJA was op het punt van zinken, toen het door de manschap van het Belgische schippersvaartuig TÉLÉMAQUE, gezagvoerder J. Bénard, werd ontdekt. Weinige ogenblikken na de redding verdween de tjalk in de golven. Door de Nederlandse konsul te Ostende werd aan de schipbreukelingen huisvesting verleend.


08 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. Aangaande het Nederlandse schip HERMANUS, kapt. D.E. Hesse, de 8e februari van Antwerpen naar Sevilla vertrokken (opm: zie ook NRC 190961), heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 5 november. De schepen BELLADONA, kapt. Dienis, van Brussel naar Christiaansand, en ANNA, kapt. Seeberg, van Antwerpen op avontuur, bij West Kapelle gestrand, zijn gedeeltelijk verbrijzeld en zullen verkocht worden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. Wiersma te Roordahuizum zal op donderdag de 21e november 1861, ’s namiddags 4 uur, ten huize van de kastelein Andringa te Wirdum, publiek verkopen:
1:  Het in beste staat van onderhoud verkerende winstgevend Veerschip, varende van Wirdum op Leeuwarden vice versa, zijnde een overdekt gewegerd kofschip, groot 9 ton, en zulks met mast, zeil en treil en verdere complete inventaris.
2:  Een ruim schiphuis, onmiddellijk bij het dorp aan de Marwindster Puinweg te Wirdum.
Beide percelen dadelijk bij de finale toewijzing te aanvaarden en thans bij de eigenaar G.P. Epema in gebruik. Condities te vernemen bij de notaris voornoemd.


09 november 1861


  JB - Javabode

Ten aanzien van in Nederland verkochte schepen is de JOHANNA EN GEERTRUIDA (opm: bark) thans genaamd AEOLUS, gevoerd door kapt. N.J. de Vries, en de PHILIPS VAN MARNIX thans CATHARINA JACOBA HENRIETTE (opm: fregat), kapt. C.J. Tonjes.


10 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 2 november. Het schip (opm: galjoot) PROVINCIE DRENTHE, kapt. W.J. Beekman, van Amsterdam alhier aangekomen, heeft van de lading enige kannassers suiker beschadigd uitgeleverd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kroonstad, 2 november. Van de lading uit het schip (schoener) LOUISA HELENA, kapt. S.R. Aggen, van St. Petersburg naar Amsterdam, alhier met schade teruggekomen, is een gedeelte van de lading beschadigd bevonden en voor ongeveer 2.000 zilveren roebels verkocht. De kosten van reparatie bedragen ongeveer 900 roebels.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Mauritius, 4 oktober. De onkosten, vereist van de reparatie van de alhier in averij geweest zijnde schepen (opm: bark) JAN VAN SCHAFFELAAR, kapt. L.G. Verbeek, van Java naar Schiedam en (opm: bark) LOUIS MEIJER, kapt. J. Holtgreve, van Java naar Amsterdam, hebben respectievelijk $ 9.824 en $ 28.040 bedragen. Kapt. Holtgreve heeft voor een saldo van $ 5.584 bodemarij genomen, tegen een premie van 9 percent.


11 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 7 november. Gisteren strandde beoosten dezer haven de Engelse sloep BLANCHE, kapt. Jones, met chloorkalk van Dublin naar Brussel. Het schip is zwaar lek. De lading wordt geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 6 november. Het Nederlandse schip (opm: schoenerbrik, bouwjaar 1856) VRIJE HANDEL, kapt. J.J. Lupkes, van Galatz met tarwe naar Amsterdam, is op de Glenans (opm: Glenant, v. Ooster Pleymercken = Îles de Glénan; 47º43’ N.B. 3º58’ W.L, ten Zuiden van Concarneau) gebleven. Het volk is gered.


12 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 8 november. Het wrak, benevens de inventaris van het schip ANNA, gevoerd geweest door kapt. Seeberg (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Antwerpen op avontuur, bij Westkapelle gestrand, is voor NLG 1.099 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Carlscrona, 9 november. Het Belgische stoomschip SERAING, van Kroonstad naar Antwerpen, is met gebroken cylinder enz. alhier binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 10 november. De stoomboot RANGER, die, wegens de zeetijdingen maandag in Texel was binnengekomen, is aldaar aan de grond geraakt, zodat het woensdags vervoer op Londen geen plaats kon hebben. De stoomboot LION, die donderdag in Texel binnen kwam, mogt het in de daaropvolgende nacht na veel inspanning, gelukken de RANGER weder vlot te krijgen en hier binnen te brengen. De gemelde stoomboot ligt thans in onze haven om te herstellen.


13 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 10 november. Het Nederlandse schip (opm: bark) JACOBUS ANTONIE, kapt. H.H.T. Mellema, van Schiedam alhier gearriveerd, is heden namiddag door het Amerikaanse barkschip AURELIA aangevaren, waardoor de boot van eerstgenoemde verbrijzeld werd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bridlington, 9 november. Het Nederlandse schip de (opm: schoener) HOOP, kapt. J.H. van Noord, van Antwerpen naar Newcastle, is hier binnengelopen om enige lichte schade te herstellen (opm: zie NRC 171161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 9 november. De Nederlandse kof HENDRIKA HILLECHINA, kapt. Kuyper (opm: J.J. Kuiper), is de 5e november bij Bornholm gezonken. De equipage is gered (opm: zie PGC 071261).


  JB - Javabode

Van Soerabaija is de 8e september vertrokken naar Grissee de Nederlands-Indische bark ROSE MARIE LOUISE, kapt. Tan Liang Sing. (opm: zie JB 191061)


14 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoutkamp, 9 november. Het schip ETSINA, kapt. Pot (opm: tjalk ELSINA of ELSIENA, kapt. U.W. Pott, zie ook PGC 191161 en 261161), van Newcastle naar Zwolle, is hier met gebroken roer en meer andere schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 11 november. De Nederlandse schepen HERMANNA GESINA, kapt. De Graaf; CATHARINA HENDRIKA, kapt. Faber; ZWAANTINA THELINA, kapt. De Boer Sap en ONDERNEMING, kapt. Bekkering, liggen hier sedert geruime tijd wegens tegenwind ter rede.


15 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 12 november. De driemast-schoener WILHELM I, kapt. Totte, van Stettin met een lading tarwe naar Havre, die l.l. zondag overzijde geslagen was en dientengevolge de masten had moeten kappen, is hedenmorgen door de Nederlandse stoomboot HOLLANDER, kapt. C.M. van Putten, alhier binnengesleept.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door het leggen ener Barge in het veer tussen Sneek en Leeuwarden wordt ter verkoop aangeboden: een thans niet meer gebruikt wordend wel onderhouden Trekschip.
Te bevragen bij A. van der Meulen, op de Pol te Sneek.


16 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 november. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende 11 schepen:
Voor Rotterdam: JACOBA CORNELIA, kapt. H. Etz; DILIGENTIA, kapt. D. Bentveld; TRIJNTJE FENNA, kapt. C. Ingerman; HENRIETTE GERARDINE SUSANNA, kapt. A. Sissingh.
Voor Amsterdam: BATAVIA, kapt. J.D. van Dolder; CHRISTINA EN JEANETTE, kapt. N. Rademakers; ADMIRAAL PIET HEIN, kapt. L. Hazewinkel; CALIFORNIE, kapt. M. de Wijn; ALMONDE, kapt. H.G. Surie; MINISTER THORBECKE, kapt. C. van Duyn.
Voor Dordrecht: JASON, kapt. J.H. Lammerts van Buren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 november. Het schip (opm: bark) JOHANNES MARTINUS, kapt. Van der Leent (opm: vermoedelijk F.G.J. van Leent), van hier te Melbourne aangekomen, heeft volgens brief van daar van de 24e september bijna voortdurend stormweder doorgestaan en daardoor over boord moeten werpen 405 kelders jenever, merendeels gemerkt P.I, 92 kelders jenever van diverse merken, 5 kisten pijpen, 282 kisten kaarsen, merendeels gemerkt P.C, 19 kisten glas, 12 kisten ruitenglas, 244 stuks ijzer, 1 kist lucifers, enz, waarvan de waarde op ongeveer GBP 1.800 wordt geschat. Het schip had overigens geen belangrijke schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 14 november. De Noorse bark EMIGRANT, van Archagel met een lading teer naar Antwerpen, is heden morgen bij Zoutelande gestrand. De equipage is gered, doch het schip zal weg zijn.
De Amerikaanse bark MARY R. BARNEY, kapt. Robins, van Antwerpen naar Genua, en de Zweedse schoener WILHELMINE, kapt. Larsen, van dito naar Engeland, zijn heden morgen bij Rammekens gestrand. Adsistentie is derwaarts afgezonden en men hoopt beide weder vlot te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 november. De alhier ter rede liggende Nederlandse bark SAGITTA, kapt. W.J. Bakker, is gepasseerde nacht op drift geraakt en is bij het grote bassin tegen de kant gewaaid, waardoor het schip enige schade heeft bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op nader te bepalen tijd en plaats zal in de maand december publiek worden verkocht, het galjootschip ALBERTHA ROMELING, groot 137 ton, nieuw uitgehaald in de jare 1857, liggende te Hamburg en bevaren geweest door kapitein B.J. Goosens.


17 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

's Gravesande, 16 november. Hedennacht is op de kust van deze gemeente gestrand het geheel mastenloos wrak van een schip, genaamd JANE ARCHIBALD EXETER. Aangezien er zich niemand op hetzelve bevond en het geen lading of ballast in had en blijkbaar aan de zijde geheel is vernieuwd, zonder alsnog geteerd te zijn, vermoedt men dat het van de een of andere scheepswerf is weggeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 november. De Nederlandse kof WELDAAD, kapt. J.S. Pik, van Southwold naar Bristol, is alhier met schade aan schip en lading binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 november. Heden is alhier door drie visssersvaartuigen in ontramponeerde staat binnengebracht de Engelse schoener SINAI, kapt. Perfect, van Antwerpen naar Dundee bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 16 november. Schipper Schouten, met de hoeker DANKBAARHEID, alhier binnen, heeft gisteren in de Noordzee een bark zien zinken. Naam of natie onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 november. Tijdens de storm van gisteren is op de Noorder Haaks gestrand de Russische bark ALCYON, kapt. Malm, met delen (opm: dikke planken) van Jacobstad naar Londen bestemd. De equipage is door de loodskotter, gevoerd door kapt. Visser, gered en alhier aangebracht. Het schip zit in een rif en zal weg zijn.
Twee kofschepen en enige vissersvaartuigen, Nederlandse, Engelse en één Belgische, zijn mede op de Haaks gebleven (opm: zie LC 191161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 november. De Engelse schoener BELLA, kapt. Corters, van Lowestoft naar Hamburg, is ter rede liggende drift geraakt en tegen de zuidwal vast geraakt. Men heeft de mast gekapt.
Een Hannoverse en Noorse schoener zijn van de rede gestormd.
Naar men zegt ligt bij Callandsoog een mastenloze Zweedse brik ten anker.
Bij Makkum is een tjalk met aardappelen gezonken; van het volk weet men niets.
Een onbekende schoener of kof is aan de noordzijde van Onrust gestrand en geheel verbrijzeld. De equipage is daarbij omgekomen daar geen redding door de zware branding kon worden aangebracht.
Nabij Huisduinen is op strand gedreven een Vlaardinger hoeker. De gehele bemanning is verongelukt.
Het achtergedeelte van een haringbuis, waarop met grote witte letters NO. 34 staat, is alhier aangespoeld (opm: zie NRC 180161).
Door de loodsschipper Dijker is alhier aangebracht de equipage van het gezonken vissersvaartuig TOMBOLO, kapt. Deckmien, van Ostende.
In de Eijerlandsche gronden en achter de Koog zitten verscheidene schepen, waarvan men de namen nog niet kent.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 15 november. De Noorse brik TERRA NOVA, kapt. Abel, in ballast, eergisteren van hier naar Frederikstad vertrokken, ligt met gekapte masten in de Blaauwe Sluis ten anker (opm: zie LC 191161).
De Noorse brik LINDLEY, met hout naar Amsterdam bestemd, is door de loodsboten van ’t Vlie No. 2 en 3 mastloos alhier binnengesleept. De deklast is over boord geworpen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 16 november. Het kofschip DE HOOP, kapt. J.P. Oldenburger, is hier gisteren met gebroken kluiverboom binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Groningen, 14 november. Aangaande het alhier te huis behorende smakschip GEZIENA, kapt. L.J. van Sluis, (opm: kapt. Luitje Imes van Sluis) zie ook PGC 190764 en AH 311065), de 9e februari l.l. te Newcastle zeilklaar naar Groningen, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bridlington,13 november. Het Nederlandse schip (opm: schoener) DE HOOP, kapt. J.H. van Noord, van Antwerpen naar Newcastle, alhier op strand geraakt – bevorens gemeld (opm: NRC 131161) – is in vlot water en alhier in de haven gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Curaçao, 15 oktober. Het met stukgoed van Amsterdam komende en op hier bestemde schoenerschip DE  STAD LEEUWARDEN, kapt. J.J. Dijk, is gepasseerde nacht alhier gestrand en vol water gelopen. De equipage is gered, doch het schip zal weg zijn (opm: zie NRC 011261).


18 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 17 november. Hedenmorgen is bij de Hoek van Holland door de stoomboot MAASSTROOM, kapt. J.J. Hansen, hulp aangeboden aan het Engelse barkschip EGBERT, dat beide masten verloren had, doch men weigerde deze hulp aan te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 november. Het schip (opm: schoener) JOHAN CORNELIS, kapt. J.N.Z. Groenewoud, in ballast van Amsterdam naar Newcastle, is de 14e november van de rede van Texel van zijn ankers geslagen, heeft zwaar gestoten en andere schade bekomen en is met assistentie van vissers voor deze stad gebracht en in het Oosterdok gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 november. Volgens telegrafisch bericht van Alkmaar (bij het Bureau Veritas ontvangen), is bij Egmond gestrand de Spaanse brik MADRILENA, kapt. Ojinaga, met vis en traan van Drontheim naar Bilbao; het volk was gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Gisteren zijn in de gronden alhier gestrand de navolgende schepen als: Deense bark AUGUSTA, Zweedse bark PETER HERMAN, Noorse bark JASON, Deense brik STATRATH WIRTH, Pruisische schoener ELISA EMMA, dito VORWARTS, al deze schepen zijn weg, de equipagien gedeeltelijk gered, uitgenomen die van de JASON, welk schip verbrijzeld is, terwijl de gehele bemanning met uitzondering van de Vlissingse loods Meijer is omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. De Mecklenburger brik MORGENSTERN, kapt. Hee, van Taganrog naar Koogerpolder, is in zinkende staat bij Egmond door de equipage verlaten, die alhier is aangebracht (opm: zie NRC 211161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Achter De Koog schijnt ook een schip uit elkander te zijn geslagen en allen daarbij omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Het alhier van Baltimore gearriveerde schip EDWARD EVERETT heeft zeilen, kettingen, ankers enz. verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. De schoener LLOYDS, van Porsgrunn alhier binnen, heeft zeilen, boten, verschansing en deklast verloren en meer andere schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Als bijleggers zijn hier heden binnengelopen de navolgende schepen, als: (opm: fregat) SAN SALVADOR, kapt. H. Munnix, van Newcastle naar Cadiz, met verlies van zeilen, boten en andere schade. FENNECHINA HENDRIKA (opm: kof FENNECHINA HENDRINA), kapt. J.J. Groenewold, van Dantzig naar Antwerpen, lek en met verlies van zeilen, boten enz. GRIETJE, kapt. Scholten, van Livorno naar Hamburg met verlies van zielen, verschansing en andere schade. AMALIA MARIA, kapt. Svendsen, van Stockholm naar de Kaap de Goede Hoop, met gekapte masten (is door loodsschuiten binnengebracht). PILAR, kapt. Andersen, van Gothenburg naar Algiers, met verlies van zeilen en andere schade. SIDONIE, kapt. Brian, van Duinkerken naar Sunderland, en PRECIOSA, kapt. Trillegrien, van Duinkerken naar Gothenburg. De beide laatsten zonder schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Het wrakstuk van de haringbuis dat alhier aangedreven is – zie ons nommer van gisteren – is afkomstig van de te Vlaardinger te huis behorende buis HENRIETTE MARIA, stuurman Jan Bos Jz.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Kapt. J.A. Takes met de stoomboot CYCLOOP, alhier binnen, heeft nabij deze kust een Engelse sloep gezien die geheel mastenloos en verlaten was.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 16 november. Hedennacht is op de Horst gestrand de Pruisische schoener CITO, kapt. Riekeles, van Lemmink in ballast naar Memel; de equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland,16 november. Nog is aldaar gestrand de Pruisische schoener VORWARTS, kapt. Witte; de kapitein en twee man van de equipage zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland,16 november. De schoener, gisteren gemeld als binnengaats, is naar Terschelling gezeild; de naam onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shields, 15 november. De alhier binnengelopen Nederlandse stoomboot LOUISE, van Grangemouth naar Rotterdam bestemd, heeft schade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

North Shields, 15 november. De Nederlandse galjoot ANNA CATHARINA (opm: kof, kapt. B.A. Schrikkema), van Middlesbro' op hier bestemd, is op Trow Rocks gebleven. De stuurman is er bij omgekomen. (opm: zie PGC 261161 en NRC 281161)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 15 november. De Nederlandse kof (opm: galjoot) ZWAANTINA THELINA, kapt. H.P. de Boer Sap, van Dantzig (opm: Gdansk) komende, is alhier met verlies van ankers en kettingen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dragoe, 14 november. De Nederlandse schoener (opm: galjoot) JANTJE BERG, kapt. N.G. van Driesten, met gerst van Pernau (opm: Pärnu) komende, is ten zuiden van Amager gestrand. Wanneer het weer bedaart, zal men trachten het schip vlot te brengen. (opm: zie PGC 231161)


19 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Aangaande de zeerampen die tijdens de laatste stormen op de Texelse kust en omstreken zijn voorgevallen, en waaromtrent wij onder de Scheepstijdingen kortelijk melding maakten, deelt het Handelsblad de volgende nadere bijzonderheden mee, gedagtekend Texel 15e en 16e dezer, en Nieuwediep 15 dezer.
Texel, 15 november. Thans kan men ten naaste bij over de rampen van de hevige storm van gisteren oordelen. Het getal schipbreuken is thans met inbegrip van twee op de Vliehors, tot acht geklommen, waarvan dus enkel zes op de Texelse kust. Reeds gisteren werd melding gemaakt van het onderste boven aandrijven van een schip achter de Wester, waarvan alleen de loods gered is. Thans blijkt dat schip te zijn de Noorse bark JASON, kapt. Besaesen, met gerst van de Zwarte Zee naar Antwerpen. De loods komt van Vlissingen en is na een paar uren in zee rondgedreven te hebben, op de scheepstrap aan land gespoeld, doch heeft een kneuzing aan de borst bekomen. De gehele equipage is omgekomen en lag hedenmorgen, negen man sterk, bij elkaar op strand.
Verder zijn gestrand het Deense brikschip AUGUSTE, kapt. Andriesch, met tarwe van Consuye naar Antwerpen. De equipage heeft zich in de sloep kunnen redden, de kapitein heeft echter een kneuzing aan de borst en de stuurman een rib gebroken.
Van de Deense schoener STATSRATH WITH, kapt. Hansen, met stokvis van Hammersfest naar Gibraltar, de Pruisische schoenerbrik AMAR ELISE, kapt. Olof, in ballast van Dublin naar Pillau, de Zweedse bark PIETER HERMAN (opm: waarschijnlijk PETER HERMAN, zie NRC 181161 en LC 280162), kapt. Rochelman met hout van Jacobstad naar Middelhaven, zijn de equipages gered; de twee eerstgenoemden met hun eigen boten, de laatste door de Cocksdorper reddingboot.
Mede is in de Eijerlandse gronden gestrand en totaal verbrijzeld een vermoedelijk Franse brik in ballast waarvan de gehele equipage is omgekomen.
Van de twee op Vliehorst zittende schepen is niets naders bekend dan dat het beide Pruisische schoeners zijn, waarvan een in ballast en de andere met gerst. Men spreekt wel van nog meerdere schepen die totaal zouden verbrijzeld zijn en waarvan men tot dus verre niets zou vernomen hebben, doch het valt te betwijfelen of dit wel overeenkomstig de waarheid is.
De vissers van Cocksdorp hebben heden met de reddingboot wonderen verricht, de bark PIETER HERMAN zat ver in de Eijerlandse gronden, meer dan een half uur van het vaste strand, de schepelingen, uit 16 man bestaande, waren gewis verloren geweest, wanneer de redding niet ter juister tijd en met gewenste spoed ware verricht geworden; de boot werd bestuurd door W. Stark als schipper.
16 november. Op het ogenblik zijn te Cocksdorp een 30-tal schipbreukelingen gehuisvest, allen afkomstig van de in de nacht van 14 op 15 dezer op de Texelse en de Vliekust gestrande schepen. De kapitein van een van de Pruisische schepen schijnt krankzinnig te zijn geworden en zal er waarschijnlijk het leven bij inschieten.
Gisteren berichtten wij dat het getal strandingen en schipbreuken op de Texelse Vliekust tot acht was geklommen, behalve op de Haaks zittende schepen. Dit kon tenminste met zekerheid bericht worden, doch uit het aanspoelen van wrakhout als anderszins schijnt te blijken, dat er meerdere schepen gebleven zijn. De te Vlissingen gestationeerde Belgische loods, de enige welke zoals wij berichtten, van de achter de Westen verbrijzelde Noorse bark zijn leven redde, verklaart dat hij negentien schepen, zowel grote als kleine, op de Nederlandse kusten heeft zien stranden en vergaan, onder andere ook een Engels vissersvaartuig, dat met man en muis naar de grond ging.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 november. De vrees die men hier koesterde voor de treurige gevolgen van de storm die gisteren een groot gedeelte van ons vaderland teisterde, was maar al te gegrond. Tegelijkertijd met de Russische bark ALCYON is een Engelse vissersmak nabij de vuurtoren gestrand. Hedenochtend ontdekte men verder een ander vaartuig op een van de bollen van de Haaks, hetwelk nader bleek een Belgische vissloep te zijn; achter de Haaks, naar de noordzijde, zag men een schoener in nood. Al spoedig daagden er loodskotters en rinkelaars, benevens andere schuiten ter assistentie op. Met schier roekeloosheid en moed spande ieder zijn menslievende pogingen in om hulp te bieden. De equipage van de Engelse smak had haar schip verlaten en zich in een ranke boot trachten te redden; nabij het strand gekomen, stootte de sloep en de zes mannen sprongen in zee, menende zwemmende het strand te kunnen bereiken. Waren toen enkele onversaagde Huisduiners niet te hulp gesneld, dan zou het aan weinigen van deze reeds zo afgematte lieden zijn gelukt het leven te behouden. Minder gelukkig was de bemanning van het Belgische vaartuig; spoedig spoelden vier lijken van hetzelve op strand, terwijl kort daarna twee lijken van een Vlaardinger hoeker in zee werden opgevist. Men veronderstelt dit ten minste, omdat in hun nabijheid drijvende werd gevonden een roer van een dergelijk vaartuig en omdat zij zich op ledige haringvaten hadden gebonden, met het kennelijke doel om zich zodoende misschien nog te redden, zodat zeer waarschijnlijk de gehele bemanning van dat vaartuig de dood in de golven vond. De bemanning van de schoener, benoorden de Haaks, zag men nog lang in het want zitten, maar alle pogingen om de ongelukkigen te redden waren vruchteloos. Hedenmiddag verzwolg de woedende zee alles als in een ogenblik, schip en bemanning. Van de vuurtoren had men nog een andere kof bemerkt, waarvan de bemanning nog in de boot was gevlucht en kort daarna had men niets meer van de boot bemerkt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kinderdijk, 18 november. Aan de werf van de heer F. Smit alhier, is de kiel gelegd van een schroefstoomboot genaamd SARA, groot plm. 600 ton, bestemd voor de dienst tussen Dordrecht en Londen tot vervoer van goederen en vee, in vereniging met de schroefstoomboot STAD DORDRECHT, beiden onder directie van de heer W.B. Dirkx te Dordrecht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 november. Bij Makkum is aangespoeld een sloep, waarin een bus met scheepspapieren van het Papenburger schip ENGELINE, kapt. Kuper (opm: zie NRC 201161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 november. Het (opm: schroef-)stoomschip AMSTEL, kapt. Wilkens (opm: C. Wilkes), van Hamburg herwaarts gedestineerd, lag, volgens heden ontvangen telegram, bij Schiermonnikoog ten anker, hebbende het roer gebroken en 6 voeten water in het ruim. Een loodsboot was ter adsistentie derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 november. Kapt. J.A. Takes (opm: schroefstoomschip CYCLOOP), van Koningsbergen alhier binnen, rapporteert op de hoogte van Texel gezien te hebben een Engels schip met gebroken mast, zijnde door het volk verlaten en tonende een noodvlag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 november. Volgens rapport van een alhier binnengekomen kapitein, had hij in de Noordzee gezien een Nederlandse bark, die hij had kunnen beroepen; opeens was het schip omgeslagen en gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. De Deense galjoot PAX, kapt. Dreijer, van Dieppe in ballast naar Newcastle, is gisteren alhier gestrand, doch zal waarschijnlijk weer afgebracht kunnen worden; het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 16 november. Benoorden de Koog is aangespoeld een gedeelte van een verbrijzeld schip, waarop de naam GORDON-BORDEAUX. Het volk is daarbij omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 16 november. Hedennacht is op de Horst gestrand de Pruisische schoener CITO, kapt. Riekeles, van Lemmenk in ballast naar Memel. De equipage is gered.
Nog is aldaar gestrand de Pruisische schoener VORWARTS, kapt. Witte. De kapitein en twee man van de equipage zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. B.D. Boscher, E.G. Boscher, W. Bakker Bzn en D. Heijdeman Jr, makelaars, zullen op maandag de 2e december 1861, des avonds ten zes ure, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam presenteren te verkopen: het extra ordinair welbezeild gekoperd en kopervast fregatschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd CHRISTINA HELENA, gevoerd door kapt. C. Tjebbes. Volgens Nederlandse meetbrief lang 39 el 60 duimen, wijd 6 el 76 duimen, hol 5 el 63 duimen, en alzo gemeten op 670 tonnen of 354 lasten. Liggende aan de werf St. Jago, in de Bikkerstraat en zijnde inmiddels uit de hand te koop. Breder bij inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaars of bij de cargadoors B.D. Boscher & Zoon.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zoutkamp, 17 november. Het schip ELSINA, kapitein Pot op 13 november van hier naar Zwolle vertrokken, is door de storm op lager wal gedreven en zit vlotteloos (opm: aan de grond; zie ook NRC 141161).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Wyck of Föhr, 12 november. De kof HINDERKINA JOHANNA, kapitein Koning, van Alloa met ruw ijzer naar Rendsburg is dezer dagen in het Smallediep (opm: Amrumtief beoosten het eiland) bij Amrum binnengelopen, alles wel aan boord.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwediep, 15 november. Ten gevolge van de hevige storm zijn gisteren nacht twee schepen gestrand en in de Haaks vervallen:
1:  de Russische bark ALCYON (opm: zie NRC 171161), met hout van Finland voor Engeland bestemd; de equipage is heden middag door de loodsboot gered: het schip kan niet afgebracht worden;
2:  aan de noordzijde van de Haaks een schoener of kof. De loodsboot heeft verscheidene malen beproefd om het volk, dat in de mast zat, te redden, maar de hemelhoge branding belette de menslievende pogingen; een hoge zee nam voor ons oog alles weg.


  LC - Leeuwarder Courant

Kampen, 16 november. De vreselijke storm, die de nacht van woensdag op donderdag (opm: 13 op 14 november) en die gehele dag gewoed heeft, heeft ook hier zijn vernielende kracht doen gevoelen. De beurtschipper van Amsterdam op Kampen H. Westerhuis, in de vroege morgen van donderdag voor het Keteldiep gekomen, zag zich genoodzaakt de ankers te laten vallen ten einde niet op de kribwerken geworpen te worden. Ongelukkig rukte het schip van zijn ankers los, met noodlottig gevolg, dat het tegen de kribwerken stiet en met een rijke lading nederzonk. Het scheepsvolk (er waren geen passagiers aan boord) is na een bange dag en nacht in doodsangst te hebben doorgebracht, geheel verkleumd, door een visser van het gezonken vaartuig gehaald en hier aan wal gebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 november. De storm van donderdag l.l. (opm: 14 november) heeft weder veel zeeschade veroorzaakt; onderscheidene schepen zijn gebleven of hebben veel averij bekomen. Reeds des morgens bevonden zich voor onze haven twee tjalken in nood, die echter beide gelukkig zijn binnen gebracht. De redding van het ene leverde een inderdaad schoon schouwspel op. Voor de ankers afdrijvende, was het voorzeker op de stenen geraakt, zo niet drie van onze wakkere zeelieden: W. Klein, N. Wiersma en H. Heres het stoutmoedige besluit hadden genomen, om met een sloep een tros aan boord te brengen. Dit gelukte, en ofschoon men op het havenhoofd bijna zich niet kon staande houden, snelden oud en jong, arm en rijk toe, om het vaartuig aan de tros binnen te trekken. Gedurende die dag hoorde men dat op enige afstand verscheidene schepen zich in nood bevonden, die men echter niet te hulp kon komen.
De stoomboten HARLINGEN en BURGEMEESTER ZIJLSTRA, die te acht ure van hier vertrokken waren, moesten het anker werpen in de Geul en konden eerst de volgende dag de plaatsen harer bestemming bereiken. Ook de stoomboot FRIESLAND, die van Amsterdam naar hier vertrokken was, is eerst een dag later hier aangekomen.
Op vrijdag werden de rampen meer algemeen bekend, op de middag werd het Noordsche (opm: Noorse) brikschip TERRA NOVA, kapt. P.S. Abel, dat woensdag van hier met ballast naar Noorwegen was vertrokken, mastenloos binnen gebracht (opm: zie NRC 171161), en tegen de avond het Noordsche brikschip LINDLEN (opm: mogelijk LINDLEY, zie NRC 171161), kapt. G. Mijland, met hout van Namsot naar Amsterdam, met verlies van bovenlast en beide masten.
Op het Grind (opm: Griend) zit het Noordsche schoonerschip UNIETÉ, kapt. S. Thorsen, geladen met chicoreiwortels en dakpannen, dat misschien verloren zal zijn.
Drie schelpenvissers zijn nog vermist, van één (zie onder Leeuwarden) is de equipage te Makkum aangebracht.
De stoomboot LION van Londen is hier vrijdag avond met veel schade binnen gekomen, zodat zij eerst heden morgen de terugreis kon aannemen. Volgens bericht van de equipage zaten er zes grote vaartuigen op de Vlielander gronden, waaronder een met drie masten. Ook de stoomboot RANGER, die woensdag van hier naar Londen vertrok, heeft een slechte reis gehad en verloor 150 schapen en 200 varkens.


  LC - Leeuwarder Courant

Ameland, 16 november. Gisteren nacht verviel in de buitengronden van dit eiland, bij zeer hevige storm en vreselijke hoge branding, de te Rijp te huis behorende haringbuis de VREDE, schipper D. Boneveld, welke tussen de banken aldaar ankerde, doch met laagwater, ongeveer des voormiddag 11½ uur, doorstootte, het roer verloor en lek werd, waardoor men verplicht was de touwen te kappen, om alzo, ten einde het leven te redden, op strand te geraken, hetwelk plaats had juist met laagwater, zodat het schip reeds op de derde buitenbank aan de grond geraakte en door brandingen overdekt werd, waardoor de veertien opvarenden in levensgevaar verkeerden. Des namiddags te een uur gelukte het aan de reddingboot van Hollum, met de grootste krachtsinspanning en met levensgevaar der bootsgezellen, het schip te bereiken en negen schepelingen in de boot over te nemen, doch was toen door de reeds ingevallen vloed en vreselijke branding genoodzaakt om zich en de geredden niet aan het gevaar bloot te stellen om zelven om te komen, met die geredden naar het strand terug te keren; des namiddags vijf uur eerst gelukte het de vijf overige schepelingen te redden, waarvan een echter reeds overleden was, terwijl de overigen reeds zo afgemat waren, dat men de touwen, waarmede zij zich op het wrak vastgebonden hadden, moest lossnijden en ze als het ware in de boot te slepen. Een dezer vier herkreeg eerst heden nacht zijn bewustzijn terug.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 18 november. Op de westzijde van de Waard nevens Makkum, strandde die dag de tjalk de DRIE GEBROEDERS, van Jappe van der Linde aldaar, bevaren door de zetschipper Jan Jeens van der Berg, daags te voren, met aardappelen geladen, uit Harlingen gezeild met bestemming Amsterdam. ’s Namiddags en nog ’s avonds 11 uur werden telkens aanstalten gemaakt om hulp te beiden, doch door de steeds toenemende storm was dit beide malen onmogelijk. Eerst vrijdag morgen (opm: 15 november) kon men na langdurige inspanning met twee schuiten het gestrande vaartuig bereiken. Men vond de zetschipper aan boord; hij had zijn leven in de tuigage behouden en werd in zeer uitgeputte toestand aan wal gebracht. De knecht, Hendrik van der Linde, broeder van de eigenaar des vaartuigs, was reeds donderdag avond, door uitputting, overleden en is als lijk aangebracht. Of het wrak zal kunnen worden afgebracht is nog niet bekend. De lading oordeelt men door zoutwater bedorven te zijn.
Vrijdag is nog te Makkum binnen gekomen de schulpschipper Teetze Elgersma, met verlies van beide ankers en kettingen, benevens van de snik met al zijn toebehoren en gereedschappen. Hij bracht de equipage mede van een mede te Makkum te huis behorende schulpschip, bestaande uit schipper Wabe van der Zee, diens vrouw, twee kinderen en knecht opgenomen uit diens nabij Eijerland in zinkende staat verlaten schip.


20 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 november. Het schip ENGELINA, kapt. Kuper (opm: Papenburger vlag, zie LC 221161), van Amsterdam op avontuur, is, volgens brief van het Oude Schild op Texel, de 14e november van de rede van twee ankers geslagen en in het Scheurrak gestrand, doch met adsistentie af- en in de haven van Texel teruggebracht. Kapt. Kuper, diens vrouw en kind, benevens de stuurman, een matroos en een jongen, hadden echter het schip met de boot verlaten, die omgeslagen is, en waarbij allen omkwamen, terwijl de timmerman en een matroos aan boord gebleven zijn. De scheepsboot met een bus met de scheepspapieren is sedert bij Makkum aangedreven.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 november. Volgens telegrafisch bericht van Ameland is de haringbuis de VREDE, stuurman Dirk Booneveld, gestrand en verbrijzeld en één man van de equipage daarbij omgekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 18 november. De schepen (opm: galjoot) BARON SLOET TOT OLDHUIS, kapt. G. Knijpenga, van Koningsbergen, en (opm: kof) FREDERIK HENDRIK, kapt. E.C. Hoeksma, van Ostrisöer, beide de 17e dezer alhier binnengekomen, hebben zeilen verloren en meer andere zeeschade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 18 november. De lading tarwe van de achter de Koog gestrande Deense brik AUGUSTE, kapt. Andresen, zal grotendeels weg zijn, daar het schip onder het zand bedolven raakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 19 november. Het Nederlandse schip (opm: brik) NOORDHORN, kapt. H. van Leeuwen, van Nickerie alhier binnen, is lek, heeft lading over boord geworpen en zeilen verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 17 november. Met het stoomschip WARD JACKSON, gisteren van Hartlepool alhier aangekomen, is aangebracht de bemanning van de op de hoogte van Flambro’ Head (opm: 54º7’ N.B. 0º5’ W.L.) in zinkende staat verlaten, te Pekel-A te huis behorende, kof THEA, kapt. D. Pothuis, met hout van Frederikstad naar Harlingen bestemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 15 november. Bij de vuurtoren zit een met hout beladen Nederlandse tjalk aan de grond en vol water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 16 november. De Nederlandse kof (opm: tjalk) HENDRIKA, kapt. Engelsman, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) met lijnzaad naar Harlingen, is hier gestrand en zit vol water (opm: zie NRC 221161 en PGC 301161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur, 16 november. De te Pekel-A te huis behorende kof WIEKA, kapt. H.G. Eefting, van Libau met granen naar de Maas, heeft alhier anker en ketting verloren, doch is op nieuw daarvan voorzien.


  JB - Javabode

Soerabaija, 15 november. Gister middag heeft de kleine stoomboot FAIRY, welke tussen Grissee en Soerabaija vaart, een praauw jangolan omver gestoomd. De praauw was verbrijzeld, doch de opvarenden zijn gered. Een oude vrouw is echter, vermoedelijk door de schepraderen getroffen, onverwijld overleden.


21 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 november. Volgens particulier schrijven van kapt. M. Kimmerer, voerende het barkschip CONSTANCE, van hier, laatst van Sheerness, naar Batavia bestemd, bevond hij zich de 15e dezer in goede staat kruisende op de hoogte van Brighton. De CONSTANCE had, sedert het vertrek van Deal op de 13e  november, met veel stormweer te kampen gehad; doch alles was wel aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 19 november. Gisterenmorgen is voor de Sloot gestrand het Blankenezer everschip GEA, kapt. Schuldt, van Neustadt met raapzaad naar Amsterdam bestemd. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 18 november. De Nederlandse kof ELSIENA, kapt. Pott (opm: tjalk ELSIENA, kapt. U.W. Pott), van Newcastle naar Zwolle, alhier binnengelopen, heeft de 13e dezer de reis voortgezet, doch is bij het Kaapke gestrand en zit gevaarlijk (opm: zie NRC 261161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Oostmahorn, 18 november. Door de loodsboot FRIESCHE GAT No. 1, zijn gisteren op de hoogte van Schiermonnikoog gered en alhier aangebracht, de equipage en 2 passagiers van het in zinkende staat verkerende stoomschip AMSTEL, kapt. C. Wilkes, van Hamburg naar Amsterdam. (Bovengemeld stoomschip is volgens telegram van kapt. Wilkes, op de Eems aangekomen, opgaande naar Delfzijl.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 18 november. Het schip WILHELMINA, kapt. Larsen (opm: buitenlander), van Antwerpen naar Gothenburg, op de Kaloot gestrand – zie NRC van 17 dezer – is totaal weg. Men is bezig zoveel mogelijk van de lading en van de inventaris te bergen, waarvan bereids een gedeelte is geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 18 november. Door de stoomboot GIPSY, van Rotterdam alhier gearriveerd, is gisteren bij de Goeree aangetroffen het Engelse barkschip EGBERT, hebbende de grote en bezaansmast verloren, De GIPSY nam de bark op sleeptouw, doch de touwen braken wegens de onstuimige zee, en daar de stoomboot niet weder bij het schip kon komen, is de EGBERT drie mijlen westelijk van Goeree op strand gezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. Het schip MORGENSTER, gevoerd geweest door kapt. Hee, van Taganrog naar Kooger-Polder, is, zonder volk bij Egmond gestrand – zie NRC van 18 dezer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leith, 14 november. Het te Groningen te huis behorende schip (opm: kof) WALRUS, kapt. A.A. Boiten, van Clackmannan (opm: 56º07’ N.B. 3º47’ W.L.) naar Røskilde, is alhier met schade binnengebracht, hebbende tussen Portobello en Leith op strand gezeten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 18 november. Het alhier van Cadix gearriveerde Nederlandse schip GESINA HILLEGONDA (opm: galjoot GEZIENA HILLEGONDA), kapt. Jansen, heeft anker en ketting verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 16 november. De Nederlandse schoener GOLDHOORN, kapt. Pot (opm: galjoot, kapt. B.M. Pott), van Riga naar de Maas, heeft alhier ter rede door aanzeiling de boegspriet verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New-York, 6 november. Het schip EDOUARD, kapt. Wieting, eergisteren alhier van Rotterdam gearriveerd, heeft verschansingen en zeilen verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 20 november. Men schrijft ons uit Zoutkamp, d.d. 19 november:
Het Nederlandse (schroef-)stoomschip de AMSTEL, kapitein Wilkens (opm: C. Wilkes), komende van Hamburg en bestemd naar Amsterdam, is op de hoogte van Schiermonnikoog, op 17 november in zinkende staat door het volk verlaten en 5 man der equipage en 2 passagiers door loodsafhaler J. Zwart alhier aangebracht. Genoemde stoomboot is door de loodsboten No. 1 en 2, met de kapitein en nog 5 man der equipage op sleeptouw genomen en de Eems binnengebracht.
Aangaande hetzelfde stoomschip, meldt men ons uit Delfzijl: visserlieden hebben het schip op sleeptouw. De bemanning is weder aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brouwershaven, 18 november. Het alhier voor noodhaven binnengelopen schip (opm: kof) CATHARINA FREDERIKA, kapitein A.P. Smit, van Dantzig (Gdansk), is lek en heeft zeilen en boegspriet verloren.


22 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brielle, 21 november. De stoomboot PRINS VAN ORANJE heeft heden de lading koper in lichters overgeladen, doch is in weerwil van alle pogingen met hoog water blijven zitten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. Het (opm: Deense) schip PAX, kapt. Dreijer, van Dieppe naar Newcastle, is, volgens bericht van Texel van de 16e november, aldaar gestrand (opm: zie NRC 191161), doch het volk gered. Men hoopte het schip weder af te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. In de Eijerlandsche gronden is gestrand de Franse brik CONDOR, kapt. Prolongean, van Antwerpen op avontuur (opm: zie LC 221161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 november. Aangaande het schip (opm: tjalk) HENDERIKA, kapt. R.J. Engelsman, van Koningsbergen naar Harlingen, bij Frederikshaven gestrand – zie NRC van 20 dezer – wordt, volgens brief van Elseneur van 18 dezer, gemeld dat het wrak was. De kapitein (opm: Roelf Jacobsz Engelsman) en twee man waren daarbij verdronken, doch de stuurman en twee man gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 20 november. De Nederlandse schepen HENRIËTTE, kapt. Kuiper, van Stettin, en HILLECHINA SCHOLTENS (opm: kof), kapt. G.J. Scholtens, van Wismar komende, beiden naar Rotterdam bestemd, zijn alhier lek, met verlies van zeilen en verschansingen en andere zeeschade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 november. Heden arriveerde alhier het kofschip DOLPHIJN, kapt. Z. Helmers, met hout van Frederikstad komende, hebbende de halve deklast over boord geworpen en enig rondhout verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 november. De kof AUGUSTA, kapt. Kulberg (opm: buitenlander), met haver van Stockholm naar Frankrijk, is hier zwaar lek, met gekapte mast en veel schade aan de verschansing binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 november. Volgens telegram van Cuxhaven, is het kofschip MARIA, kapt. W.A. Hendriks, van Newcastle op hier bestemd, aldaar met schade binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Riga, 19 november. Het schip JOHANNA EMILIE (opm: buitenlander), van hier naar Havre, is gezonken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars F.N. Montauban van Swijndregt, W. van Dam H.Hzoon, W.H. Montauban van Swijndregt, B.C.D. Hanegraaff en H.N. Montauban van Swijndregt, te Rotterdam, zullen als lasthebbende van hun meester, op dinsdag de 17e december 1861, des middags ten 12 ure, in de zaal aan de Scheepmakershaven, wijk 1, No. 499, publiek verkopen: het extra snelzeilend gekoperd en kopervast Nederlands barkschip BEATRIX, laatst gevoerd door kapt. C.A.L. van den Wijck, volgens meetbrief lang 33 el 30 duim, wijd 5 el 71 duim, hol 4 el 86 duim, en alzo groot 411 tonnen, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zoals hetzelve thans is liggende in de Westerhaven binnen deze stad.
In juni 1860 is aan gemeld schip een reparatie geëindigd, welke NLG 40.000 heeft bedragen, waarna aan hetzelve een certificaat is afgegeven A.I. voor tien jaar voor de grote vaart, door de Nederlandsche Vereeniging van Assuradeuren.
Het schip blijft inmiddels uit de hand te koop.


  LC - Leeuwarder Courant

Texel, 18 november. Gisteren is met behulp van een vaartuig door bergers alhier in de haven te Oudeschild binnen gebracht het Papenburger Galjootschip ENGELINA, in ballast, gevoerd geweest door kapt. J.W. Kuper, welk schip bij de hevige storm van de 14e dezer van de rede van Texel van twee ankers is weggeslagen en bij het Oude Vlie gestrand. De kapitein, zijn vrouw en kind, stuurman, timmerman, kok en jongen hebben zich des avonds ten 6 ure in de boot begeven met hun goederen en het schip verlaten. Die boot is echter op korte afstand van het schip door de zee overstelpt, en allen hebben alzo hun graf in de golven gevonden. Twee man der equipage, die zich niet in de boot hebben willen begeven, bevonden zich nog op het schip.
Het bij de Sluftersbollen verbrijzelde schip is gebleken te zijn het Franse schip CONDOR, kapt. André Prolongean.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 20 november. Heden morgen zijn hier 10 schepen uit zee binnen gekomen, meest allen min of meer met averij, waaronder het Zweedse brik AUGUSTE, kapt. I. Küllberg, met zwarte haver van Stockholm naar Havre de Grace, die, na verlies van fokkemast en verschansing door twee vissersschuiten drijvende werd ontmoet en hier is binnen gebracht. Te Terschelling is gisteren mede door twee Vlielander loodsschuiten binnen gebracht het Noordsche (opm: Noorse) brikschip DIE GUTE HOFFNUNG, kapt. T. Morek, met hout van Frederikstad naar hier, zwaar lek, met verlies van zeilen, roer enz.


23 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. De stoomschepen DIANA, kapt. Jay, van Londen herwaarts gedestineerd, en WILLEM 1, kapt. R.A. Hazewinkel, van hier naar Hamburg, zijn op het Pampus in aanvaring geweest; het eerste heeft daardoor een gat in de boeg bekomen, doch is alhier voor de stad gearriveerd; het laatste ligt op Pampus met het voorschip onder water; lichters zijn derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. De Nederlandse galjoot GESINA JANTINA (opm: GEZINA JANTINA), kapt. G.W. Lohman, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Rotterdam, is op zee gezonken, doch het volk gered en te Hull aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. Het schip HERMANNA WILMINK, kapt. Wilmink (opm: kof HARMINA WILMINK, kapt. J.T. Wilmink), met lijnzaad van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Groningen, is, volgens brief uit Oostmahorn van 19 dezer, in het Friesche Gat (opm: tussen Schiermonnikoog en Ameland) gestrand. De equipage, uit 5 man bestaande, was met de boot aan wal gekomen. (opm: zie LC 101261)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. Aangaande de schepen (opm: kof) HERMANUS, kapt. D.E. Hesse (opm: zie NRC 190961), 8 februari van Ayr naar Sevilla, en GRETINA, kapt. Zimmerman (opm: buitenlander), 24 juni van Pillau naar Harlingen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 november. In de Eijerlandsche gronden is gestrand een schip, de naam onbekend.
In zee drijvende gevonden een sloep, waarop met geel geschilderde letters: ADDY DOUGLASS – LONDON.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 20 november. Te Terschelling is binnengebracht het brikschip GUTE HOFFNUNG, kapt. Mörck, van Frederikstad op hier, zijnde door twee loodsschuiten in de Noordzee drijvende gevonden. Het was zwaar lek, en had tuig en roer verloren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 19 november. Het schip MARIA BEERTA, kapt.J.J. Roosjes, is gisteren van Frederikstad alhier gearriveerd met verlies van deklast, boot, verschansing, zeilen enz, zijnde alles in de nacht van 13 op 14 dezer met een stortzee over boord geslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ramsgate, 20 november. De Nederlandse kof ETTINA, kapt. Oldenburger (opm: EETINA, kapt. J.A. Oldenburger), van Stettin (opm: Szczecin) naar Nantes, is alhier met verlies van boegspriet, boten en zeilen binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 17 november. Het schip DIANA, kapt. Hansen (opm: buitenlander), van Amsterdam naar Koningsbergen, is alhier verongelukt. De manschappen zijn behouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping te Egmond aan Zee in de herberg Zeezigt op dinsdag de 26e november 1861, vóór de middag ten tien ure, van het hol of casco van het op vrijdag de 15e november 1861 benoorden Egmond aan Zee gestrande Spaanse brikschip MADRILENO, gevoerd geweest door kapt. Jose Benito de Ojinago, geladen met vis en traan, komende van Drontheim en bestemd naar Bilbao, en van de daarvan geborgen tuigage, bestaande in masten, stengen, zeilen, staand en lopend want, en meer andere goederen, mitsgaders van de daarvan geborgen en in het schip aanwezige lading bacalao, (gedroogde gezouten vis [opm: met name gedroogde kabeljauw, stokvis]), waarvan ongeveer 100.000 à 125.000 Nederlandse ponden zijn geborgen.
Nadere informaties te bekomen bij de heren De Grijs en Comp, Oude Waal, No. 33, te Amsterdam, en bij de heer G. de Groot, te Egmond aan Zee.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 18 november. Het schip (opm: kof) ENGELINA, kapitein P.O. Smit, van Newcastle naar Alicante, alhier met schade binnengelopen is geheel ontramponeerd, moet lossen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dragoe, 17 november. Het kofschip JANTJE BERG, kapitein N.G. van Driesten, van Pernau komende, ten zuiden van Amager gestrand (opm: zie NRC 181161) heeft 200 ton gerst in een ligter gelost en is daarop lens gepompt en weder afgebracht, het ligt thans ten anker en wacht tot de heden heersende N.O. sneeuwstorm voorbij is, om door een stoomboot naar Kopenhagen gesleept te worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Thisted, 15 november. De schoener PLUTUS, kapitein  De Jonge (opm: buitenlander), van Gothenburg met hout naar Sevilla, is alhier op de kust gestrand en wrak geworden, doch het volk gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ramsgate, 18 november. Het galjootschip WESTERSCHOUWEN, kapitein H.W. Boon, van Newcastle naar Rotterdam is op de hoogte van de Hollandse kust zwaar lek aangetroffen door twee Engelse smakschepen, die na enige tijd bijgelegen te hebben het volk aan boord namen. Toen de storm enigszins bedaard was, namen zij de WESTERSCHOUWEN op sleeptouw en brachten dit schip alhier binnen. (opm: aldaar verkocht en onder Britse vlag gebracht als ALLIANCE [o.no.43914] en in 1884 nog als zodanig in de vaart)


24 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 november. Met genoegen kunnen wij vermelden, dat door Z.M. de keizer der Fransen aan de gezagvoerder J.R.N.J. Bijl van het Nederlandse stoomschip BORDEAUX, alhier te huis behorend, een zilveren medaille is toegekend ter zake van de redding der manschap van het Franse vissersvaartuig ANNE MARIE op 19 april j.l. (opm: zie NRC 240461), en dat die medaille met het daarbij behorende diploma door burgemeester en wethouders aan genoemde gezagvoerder is uitgereikt, terwijl voorts Z.M. voornoemd aan de consul van Frankrijk een som van Ffrs. 100 heeft doen toekomen ter verdeling onder de manschap het het stoomschip BORDEAUX.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 november. Kapt. Bakker, de 19e november van Landscrona te Hellevoetsluis binnengekomen, rapporteert, in de Noordzee mastloos gezien te hebben een Nederlands kofschip en een bark.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 november. Volgens brief van Ameland van de 21e november, is op het strand bij Hollum aangespoeld een sloep, zwart geverfd, met witte rand, van vermoedelijk Engelse bouw, benevens een grote hoeveelheid door zeewater beschadigde pekelharing.
Wijders een bakboord naamboord, zwart geschilderd, met groene rand, waarop met vergulde letters: 18 DE VROUW MARIA (opm: gelet op het grote aantal schepen van deze naam zonder naam van de kapitein niet te definiëren), enige Noorse balken en een wit geverfd vaatje, waarop met zwarte letters J. APPLEBY, en daaronder SCARBRO.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 november. De 20e dezer zijn op strand onder Callandsoog aangespoeld het wrak van een brigantijn, mastloos, door het volk verlaten en op zee uitgeplunderd, genaamd REBECCA, benevens een scheepsnaambord, groen geschilderd, met rode rand, waarop VEENDAM 1860.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 22 november. De gezagvoerder van het stoomschip AGENORIA, alhier gearriveerd, rapporteert, dat hij de 18e november op 53º N.B. en 4º O.L. gepasseerd is het mastloos en door de equipage verlaten Nederlands kofschip REBECCA, gesleept wordende door twee vissersvaartuigen. (zie bericht van Amsterdam in dato 23 november.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 21 november. Kapt. Nieting, gisteren binnen gemeld, rapporteert dat hij de 15e dezer op 54º57’ N.B. en 4º25’ O.L. heeft zien drijven, een ogenschijnlijk door het volk verlaten Nederlands kofschip, hebbende een witte standaard met rode randen, een naam met geschilderde letters: ANNECHINA (opm: ANNECHIENA, zie PGC 261161 en 301161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 19 november. Hier is aangespoeld een plankje, waarop met vergulde letters: DARIUS.
Nog zijn aangebracht drie boten van tjalkschepen, zijnde een daarvan gemerkt: A.R. ALBERTS, en een mast van een visschip. (red. de Groninger kof GESINA JANTINA, kapt. R.A. Alberts, lag de 14e dezer te Newcastle in lading naar Groningen.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia en Samarang, om de 25e dezer te vetrekken, het nieuw gebouwd Nederlands klipperschip (opm: fregat clipperschip) INDIA PACKET, groot 1.000 tons, kapt. G. Diepering, voerende een geëxamineerde scheepsdokter. Bijzonder op zeilage gebouwd en de campagne voor de Oost-Indische passagiersvaart doelmatigst ingericht zijnde, zo beveelt zich deze bodem daartoe bij uitstek aan. (opm: eerste reis)
Voor passage of vracht gelieve men zich te adresseren te Amsterdam bij de reders Gebr. Hendrichs & Co of bij de cargadoors Wed. Jan van Wesel & Zn, en te Rotterdam bij de cargadoors Kuyper, van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuijzen.


25 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 22 november. De Nederlandse kof WIJBRANDINA, kapt. Brons (opm: WYBRANDINA REINA, kapt. P. Brons), van Frederikstad naar Rotterdam, is alhier met verlies van zeilen en deklast en meer andere schade binnengelopen.


26 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 november. Het Nederlandse stoomschip BURGEMEESTER HUIDEKOPER, kapt. H.B. de Jong, van hier met stukgoederen, via Kopenhagen naar Stettin, is, volgens telegram van Kopenhagen, de 20e dezer in het Kattegat totaal verongelukt. van de equipage zouden slechts de kok en 3 matrozen gered zijn. (opm: zie NRC 291161; de BURGEMEESTER HUIDEKOPER was op 16 november uit het Vlie vertrokken, op reis van Amsterdam naar Szczecin)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 24 november. Al de schepen, die op de Texelse kust gestrand zijn, zijn eergisteren verbrijzeld.
Op het strand te Huisduinen is aangespoeld het wrak van een groot schip, zijnde een gedeelte van het dek, waarbij de wapenkamer schijnt geweest te zijn; men heeft er ten minste sabels gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 24 november. De Blankeneser ever GEA – zie NRC van 21 november – is totaal verbrijzeld. De lading is zwaar beschadigd geborgen, benevens de tuigage.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zoltkamp, 23 november. Het schip ELSIENA, kapt. Pott, van Newcastle naar Zwolle, bij het Kaapke gestrand – zie NRC van 21 november – is weer af en in vlot water gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Studland-bay, 22 november. Het Nederlandse schip DONATI, kapt. Lindhorst (opm: brigantijn, kapt. J.R. Linthorst), van Gothenburg naar Bordeaux, is alhier als bijlegger binnengelopen. Het schip heeft in de Noordzee de deklast verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 23 november. Volgens telegrafisch bericht van Varne (opm: vermoedelijk Varel in de Jadeboezem), is de Nederlandse schoonerkof (opm: galjoot) AQUARIUS, kapt. G.D. Douwes, op de reis van Londen naar Glückstadt gestrand, doch het volk gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zoltkamp, 24 november. Het schip ELSINA, kapitein Pott, door storm alhier op lager wal geraakt is weder af en in vlot water gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 25 november. Door kapitein Funnemark, voerende het Noorse fregat MAPLE LEAF, is te Londen aangebracht de equipage van het te Delfzijl thuisbehorende kofschip ANNECHIENA, door de laatste storm zwaar lek geworden en waarvan de tuigage, ter voorkoming van kenteren was gekapt. In deze toestand had kapitein Funnemark het de vijftiende dezer ontmoet, drijvende op de lading en de equipage die zich reeds zes uur op het kajuitsdek had vastgehouden, door middel ener lijn met levensgevaar van boord hadden gered, hebbende zij echter moeten achterlaten al hunne goederen, scheepspapieren, enz.
(opm: kof ANNECHIENA, bouwjaar 1831; kapt. Jan Alberts Donga, zie, NRC 241161, 281161 2 x en PGC 301161)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Heden ontving ik van mijn echtgenoot, B.A. Schrikkema, gezagvoerder op de kof ANNA CATHARINA, de zo treurige tijding, dat het schip de veertiende dezer te Trow Rocks is gestrand en hij met het volk is gered, behalve de stuurman, mijn dierbare enige zoon Eildert Stuurwold, die door een zware stortzee over boord sloeg en jammerlijk in de golven omkwam, in de jeugdige ouderdom van bijna 22 jaar.
Scheemda, 21 november 1861                                 E. Schrikkema-Harders
Enige kennisgeving.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het geoctrooieerd Veer, van Beetsterzwaag op Sneek v.v, met het daarin varend Veerschip, met complete inventaris, thans bevaren wordende door de eigenaar G.D. Schroob.


27 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Publieke verkopingen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ te Amsterdam op maandag 25 november: het kofschip ALBERDINA: NLG 3.100, in slag NLG 400, koper Jan Corver (opm: een makelaar, waarschijnlijk gekocht voor zijn opdrachtgever).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 23 november. Het schip MARIA, kapt. K. Bloupot van Duinkerken naar Newcastle is alhier met gekraakte fokkenmast binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshaven, 24 november. Op Laesoe zijn vele schepen gestrand, als onder meer andere het Nederlandse schip (opm: galjoot) DRIE GEBROEDERS AMERIKA, kapt. T. Kroos, van Stettin (opm: Szczecin) naar Antwerpen (opm: zie NRC 301161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Reval, 24 november. Het schip FIDUCIA (opm: buitenlander), met lijnzaad van Riga komende, is op Orsel gestrand en zal weg zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 23 november. De te Wildervank te huis behorende kof HERMINA, kapt. B.J. Kroon, van Havre naar Rostock, is in zinkende staat bij Adlerborg (opm: zie PGC 301161 en 121261) op strand gezet. Het volk is gered en bij gunstig weder hoopt men ook schip en lading nog te bergen.


  JB - Javabode

In Nederland geveilde schepen en scheepsparten.
Te Amsterdam op 23 september 1861 het schip (opm: brik) JACQUELINE EN ELIZE, kapt. J.H. Krukkenberg, gebouwd in 1851, groot 152 lasten, voor NLG 15.220 opgehouden.


28 november 1861


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 14 oktober. De vrachten zijn sedert vorig bericht iets flauwer. De onderstaande Nederlandse schepen werden bevracht: NEDERLAND EN ORANJE NLG 120 voor suiker, NLG 115 voor koffij van hier, Tagal en Samarang naar Amsterdam. CORNELIA MATHILDA NLG 120 voor suiker van Soerabaija en Probolingo naar Amsterdam. MARY GODDARD NLG 120 voor suiker en NLG 115 voor koffij, van hier en Samarang naar Rotterdam. MARIA VERONICA NLG 120 voor suiker à NLG 110 voor tabak van hier en Soerabaija naar Rotterdam. JACOBA HELENA NLG 115 voor suiker van Soerabaija en Passaroean en NLG 110 voor suiker en NLG 105 voor koffij van Samarang naar Rotterdam. WHAMPOA NLG 120 voor koffij van Padang naar Rotterdam. GENERAAL MICHIELS NLG 120 voor koffij, NLG 130 voor licht goed en NLG 40 voor tin van hier en Padang naar Rotterdam. WILHELMINA MARIA NLG 120 voor koffij, NLG 130 voor licht goed van Padang naar Amsterdam. CATHARINA EN GEERTRUIDA NLG 112,50 voor suiker, NLG 107,50 voor koffij, NLG 100 voor rijst à NLG 115 voor lichte goederen van hier en Samarang naar Rotterdam.
Onbevracht blijft thans nog het Nederlandse schip MARTHA JACOBA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Het stoomschip WILLEM I, kapt. R.A. Hazewinkel, van hier naar Hamburg, op het Pampus in de grond gevaren, als vroeger gemeld, is, nadat een gat gestopt en het water uit het schip gepompt was, gisteren namiddag met adsistentie van een sleepboot alhier voor het Ooster-Dok aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlie, 25 november. Het alhier van St. Petersburg gearriveerde schip (opm: galjoot) CONCURRENT, kapt. C.T. Teensma, heeft de verschansingen verloren en andere schade bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 25 november. De Nederlandse kof ANNECHIENA, kapt. J.A. Donga, van Noorwegen, met hout, herwaarts gedestineerd, is de 15e dezer, in zinkende staat door het volk verlaten, dat door kapt. Funnemark, voerende het schip MAPLE LEAF, met levensgevaar door middel van een lijn gered en te Londen aangebracht is (opm: zie o.a. PGC 261161).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 25 november. Heden namiddag arriveerden alhier per stoomschip RANGER van Londen de equipage van drie in de Noordzee verongelukte schepen, n.l. van de ANNECHIENA, kapt. J.A. Donga, te huis behorende te Farmsum, bestemd van Noorwegen naar Termunterzijl, met hout (opm: zie PGC 261161); van de ANNA CATHARINA, kapt. B.A. Schrikkema, in ballast van Middelburg naar Newcastle – zie NRC van 18 november – en van het Hannoverse schip NICOLAAS, kapt. Dirks, komende van Odense en bestemd naar Rotterdam met gerst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Sunderland, 25 november. Het Nederlandse schip GESINA HENDRIKA, kapt. Van Wijk (opm: galjoot GEZINA HENDERIKA, kapt. J.O. van Wijk), na een reis van 16 dagen, alhier van Havre gearriveerd, heeft de 18e dezer in een hevige storm zeilen, rondhouten, verschansing verloren. Gisteren bij het ten anker komen is de ketting gebroken, doch het schip heeft daardoor geen verdere schade bekomen.