Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 0 - 189 - 1801 - 1803 - 1805 - 1806 - 1808 - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850 - 1851 - 1852 - 1853 - 1854 - 1855 - 1856 - 1857 - 1858 - 1859 - 1860 - 1861 - 1862 - 1863 - 1864 - 1865 - 1866 - 1867 - 1868 - 1869 - 1870 - 1871 - 1872 - 1873 - 1874 - 1875 - 1876 - 1877 - 1878 - 1879 - 1880 - 1881 - 1882 - 1883 - 1884 - 1885 - 1886 - 1887 - 1888 - 1889 - 1890 - 1891 - 1892 - 1893 - 1894 - 1895 - 1896 - 1897 - 1898 - 1899 - 2018


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1896


01 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Algiers, 30 december 1895. Het Nederlandse stoomschip BELLEROPHON, dat schade leed door aanvaring met het Franse stoomschip EMILE ELOISE, heeft die tijdelijk hersteld en de reis naar Batavia voortgezet.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een uitmuntend, best, nieuw schip, van droog hout, groot plm. 30 ton, en verschillende roei- en zeilschouwen. Te bezichtigen (niet op zondag) bij T.A. v.d. Werff te Warga.


02 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 januari. Kapitein B.G. Bruinsma, voerende het stoomschip P. CALAND, 31 december j.l. te Amsterdam binnen, rapporteert op de reis van New York herwaarts zeer zwaar weer te hebben doorstaan. Op 12 december van New York vertrokken, werd de P. CALAND reeds de volgende dag belopen door een orkaan uit het N.N.O. Aanvankelijk werd bijgedraaid, doch het schip nam zulke stortzeeën over, dat ’s avonds te 11 uur het tweede klas dekhuis en schijnlicht, machinekap, benevens verschillende deuren en andere kappen werden ingeslagen, twee reddingvlotten met galgen, enz. over boord gingen, de railings op verschillende plaatsen terwijl de eerste officier en zeven schepelingen min of meer zwaar werden gekwetst en vier van hen bij binnenkomst met gebroken armen, benen of ribben in het hospitaal moesten worden opgenomen. Hierna werd om de zuid gelensd, waarbij fok- en marszeil wegwoeien en de marssteng werd gekraakt, totdat ’s zondagsmiddags weer koers kon worden gestuurd. De daarop volgende zaterdag had het stoomschip weer een orkaan te verduren uit het N.W, waarom, met het oog op de belangrijke dekschade, weer moest worden gelensd tot maandagmorgen, toen in het gezicht van de Wester Eilanden (opm: Azoren) de koers weer kon worden gestuurd. Bij het naderen van het Engels Kanaal raakte men in de mist, waardoor men slechts een ogenblik het licht van Eddystone en later dat van de Varne kon verkennen, tot het stoomschip in de avond van 30 december behouden te IJmuiden binnenviel. Het vinden van bovenbedoelde reddingvlotten behoeft na het voorgaande geen ongerustheid te geven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 29 december 1895. Volgens bij de directie der Rotterdamsche Lloyd ontvangen bericht uit Lissabon had de aanvaring van de SALAK plaats tijdens zware mist en heeft de SALAK gaten in de boeg aan weerszijden van de steven tot beneden de waterlijn. De lading is vermoedelijk niet beschadigd. (opm: zie NRC 080196)


03 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 december. Het alhier binnengesleepte schip ALBERDINA (opm: Duitse schoener), kapt. Eckhoff, van Porsgrunn naar Papenburg, heeft op de Eems anker en ketting verloren en is door het ijs lek geworden, zodat het met het dek gelijk aan het water ligt. Het schip is vastgemeerd langszij van het Nederlandse schip BOUGIENA. (opm: zie PGC 160196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 januari. Het Nederlandse schip NIL DESPERANDUM, 22 november 1895 na een reis van vier maanden van hier te Batavia aangekomen, heeft gedurende de reis slecht weer gehad en schade aan tuig en zeilen geleden. Het stuurkompas werd weggeslagen en één van de reddingboten werd totaal verbrijzeld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 31 december 1895. Het stoomschip HUNZE IX is ten gevolge van ijsgang alhier in aanvaring geweest en heeft daardoor schade bekomen. Het zal naar Groningen worden gesleept om te repareren.


05 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 4 januari. De hier gestrande Russische schoener LIVIA is wrak geworden. De tuigage werd geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 4 januari. Een onbekend stoomschip is hier gestrand. De reddingboot gaat uit. De sleepboot SIMSON ligt hier binnen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 4 januari. De sleepboot ONDERNEMING van de aannemer B. van Buuren is in zinkende toestand bij paal 11 in het kanaal aan de grond gezet door de sleepboot TIJL UILENSPIEGEL.


06 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Christiansand (opm: Kristiansand), 30 december 1895. Het Nederlandse schip ALBION, kapt. J.D. Duit, is opnieuw nagezien en de reparatiekosten worden op Kr. 2051 geschat.


07 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 januari. Aangaande het Nederlandse stoomschip AMSTEL,12 december j.l. van Rotterdam met gemengde lading naar Hamburg vertrokken en het laatst gezien op de hoogte van Noordwijk, heeft men sedertdien niets meer vernomen. (opm: zie NRC 191295 en 250296)


08 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Haarlem, 7 januari. Het Italiaanse barkschip MICHEL ANGELO DI PIEVE, liggende te Zaandam, is heden gerechtelijk verkocht aan de heren Bos en Constant te Burgerbrug. Het schip zal worden gesloopt en heeft in veiling NLG 3520 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. De passagiers, die zich reeds aan boord bevonden van het met schade binnengelopen stoomschip SALAK (opm: zie NRC 020196) te Lissabon, de bagage, benevens de in dit stoomschip aanwezige lading voor Marseille, zullen overgenomen worden door het stoomschip GEDÉ dat order heeft bekomen Lissabon aan te doen. Het ligt in het voornemen om de SALAK na reparatie direct naar Java te doen vertrekken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Buenos Aires, 4 januari. Het Belgische schip GALILEO, is onder het lossen plat op de zijde gevallen in de Boca. Het schip ligt gemakkelijk op de moddergrond en de lading wordt zo snel mogelijk uit het schip gehaald.


09 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 8 januari. Het gestrande schip LIVIA (opm: zie NRC 050196) is gebroken, het wrakhout drijft de Zuiderzee in.


10 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 8 januari. Bij publieke veiling heeft de lading van de gestrande AGATHE NLG 1398,75 opgebracht.


11 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 9 januari. De inventaris van het gestrande schip LIVIA, heeft in veiling NLG 464,25 opgebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 8 januari. Het Nederlandse galjootschip HARMONIE, vroeger bevaren door kapt. Lukkien, eigendom van reder Alberts, is aangekocht door kapt. Gocken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 januari. Het stoomschip CHENISTON vertrok op 1 dezer met de lading van het Nederlandse schip (opm: brik) MEEDEN, van Buenos Aires naar Plymouth bestemd en is te St. Michaels (opm: Azoren) binnengelopen. De eis voor de verleende assistentie door de sleepboot is vereffend.


14 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kalmar, 7 januari. De Nederlandse driemast schoener SPES NOSTRA (opm: kapt. R.J. de Weerd, zie o.a. PGC 181295, 210196) zal op 9 januari te Egby op Öland worden geveild.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 11 januari. Door de burgemeester–strandvonder is heden tegen 74% aanbesteed de berging van de lading Amerikaans grenen balken van het onlangs aan de oostzijde van dit eiland aangedreven gekenterd schip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 12 januari. De Russische driemast schoener TANTIVY, die in de december-storm van 1895 storm hoog op de wal werd geslagen, en tussen meerpalen beklemd zat, en ter plaatse is verkocht geworden, werd heden, na gedicht te zijn, en lossing van de lading afgebracht.


15 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 14 januari. Het tussen de pieren alhier gestrande Noorse barkschip FAMILIENS MINDE bracht heden in publieke verkoop NLG 900 op; de inventaris aan wal opgeslagen, heeft NLG 1.250 opgebracht.


16 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 14 januari. De lading van het schip ALBERTINE (opm: Duitse schoener ALBERDINA zie PGC 030196), kapt. Eekhoff, alhier binnen, wordt hier opgeslagen.


17 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 15 januari. De Nederlandse tjalk VERTROUWEN, kapt. De Groot, van Londen naar Zumaya (opm: Noord-Spanje), is volgens telegram uit San Sebastian bij Playa Gufrieda gestrand. Het volk is gered en de lading wordt gelost. (opm: zie PGC 220196, 170396 en 310396)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zandvoort, 16 januari. Het casco van het in december 1895 alhier gestrande barkschip FORSETE werd heden in veiling verkocht aan de heer Muis te Alkmaar voor NLG 875. De inventaris bracht NLG 2.375,20 op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 16 januari. Het schip KREON, op 7 december 1895 bij Hoek van Holland gestrand, is hedennacht uit elkaar geslagen. Wrakstukken en masten liggen aan het strand. De lossing van de lading was bijna geëindigd. In het schip waren nog slechts 16 balken aanwezig. De lading werd door de bergingsmaatschappij gelost en hier aangebracht. (opm: zie NRC 250196)


18 januari 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

In de bekende zaak van de kok Huibertus Jelkman, die in de afgelopen zomer op de heenreis naar New York aan boord van het stoomschip MAASDAM ziek werd en bij aankomst overleed tengevolge van de slechte behandeling aan boord, is door de Raad van Tucht voor de Koopvaardij te Amsterdam het volgende vonnis uitgesproken tegen kapitein Potjer van de MAASDAM. Dat de aangeklaagde Albert Potjer, als gezagvoerder van het Nederlandse stoomschip MAASDAM niet geheel voldaan heeft aan zijn verplichting om aan de 2de stoomkok Huibertus Jelkman, die op woensdag 9 juli 1895 te New York aan boord van dat schip is overleden, overeenkomstig art. 4 van de monsterrol, gedurende diens ziekte een betamelijke behandeling te verzekeren. Dat echter, vermits de beklaagde, naar de opvatting, die hij van de zaak had, gemeend heeft het nodige te doen, geen termen aanwezig zijn hem deswege te schorsen in zijn bevoegdheid om als schipper op een Nederlands koopvaardij- schip te varen.
In dit vonnis wordt dus de slechte behandeling wel degelijk erkend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 17 januari. Het schip nabij Knokke op de plaat geslagen, is de Engelse schoener SULTAN, geladen met steenkool, bestemd naar Ostende. De bemanning is gered.


19 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Blijkens de akte van 14 november 1895 voor de notaris Johannes Michiel Slinkert en getuigen te Rotterdam, is opgericht een N.V. onder de naam Maatschappij Stoomschip Leonard, gevestigd te Rotterdam. De akte van oprichting is in haar geheel geplaatst in de Nederlandse Staatcourant van 18 januari 1896 nummer 15.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Waarschuwing. Gelieve geen krediet te verlenen aan de gezagvoeder en verdere equipage van het Nederlandse barkschip ANNA ALEIDA, kapt. J. Hoedemaker, zullende zonder voorkennis van de reder geen betalingen geschieden.


20 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Lübeck, 15 januari. Het Nederlandse schip DRIE GEBROEDERS, half november 1895 van Antwerpen met olie herwaarts vertrokken, is hier nog niet aangekomen en dus als verloren te beschouwen.


21 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Veendam, 17 januari. Volgens hier ontvangen bericht is de Nederlandse driemast schoener JAN DERK, kapt. Mulder, na een reis van 51 dagen van Hamburg te Maracaibo aangekomen. Alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kalmar, 15 januari. Het wrak van het bij Öland gestrande schip SPES NOSTRA is de 9e dezer publiek verkocht voor 1.060 Kronen (opm: voor de sloop). De geborgen inventaris bracht 900 Kronen op.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Openbare verkoping van het tjalkschip TRIJNTJE, groot 87 m³, met volledige inventaris en verder toebehoren, oud 7 jaar en voorzien van zeepas (opm: Nederlandse zeebrief), lopende nog 2 jaren. Thans liggend te Delfzijl, tot heden bevaren geworden door de verkoper en is dagelijks te bezichtigen.
Notaris J.C. Jentema (opm: Jentinck) te Delfzijl.


22 januari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een overdekt sterk roefschuitje, 4 jaar oud, groot 19 ton, bij G. Barkmeijer te Aalsum bij Dockum.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

San Sebastian, 15 januari. Afgelopen nacht bij laag water is men begonnen met het lossen van de lading van de bij Zuriola gestrande Nederlandse tjalk VERTROUWEN, kapt. De Grooth (opm: zie PGC 170196). Ongeveer 200 balen jute werden in goede staat geborgen. Gedurende het volgende hoog water brak de achtersteven en kreeg het schip een lek in het ruim, ten gevolge waarvan de overige lading nat uit het schip komt. Het is twijfelachtig of het schip zal kunnen worden afgebracht. (opm: zie NRC 310396)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Volgens van de rederij ontvangen bericht heeft het Nederlandse schip VONDEL, kapt. Bart, na volbrachte reparatie gisteren de reis van Kaapstad naar Java voortgezet.


24 januari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een goed onderhouden roefschip, groot 18 ton, met complete inventaris. Te bevragen bij H. Westerhuis te Poppingawier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Michaels (opm: Azoren), 11 januari. De alhier binnengelopen en afgekeurde Nederlandse brik MEEDEN is heden in veiling verkocht voor 2250 Milreis (opm: oude munteenheid in Portugal). (opm: zie PGC 230596)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Yarmouth, 18 januari. De Engelse trawler JAMES AND MARIA rapporteerde op 28 december 1895 op ongeveer een kwart mijl O.N.O. van Winterton Ridge te hebben aangetroffen de verlaten Nederlandse tjalk HILLECHIENA, van Groningen. Het vaartuig dreef in de richting van het Leeman Sand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 18 januari. Het Nederlandse barkschip HEVESKES, van Cardiff naar Landscrona, heeft de lading te Cuxhaven, waar het werd binnengesleept, niet gelost, doch werd naar Hamburg opgesleept, waar de lading werd verkocht en gelost. De gezagvoerder tracht een andere lading voor het schip te verkrijgen.


25 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hamburg, 18 januari. De lading van het Nederlandse schip HEVESKES, kapt. M. Borg, van Cardiff naar Landskrona bestemd, dat in november l.l. met het stoomschip PRUSSIA in aanvaring was en naar hier werd opgesleept, is alhier verkocht en gelost.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 22 januari. Het nieuw gebouwde stoomschip REYNST, bestemd voor de Koninklijke Paketvaart Maatschappij, is heden ter rede van Texel met goed gevolg onder stoom beproefd. Het schip liep een vaart van 10¼ mijl per uur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 22 januari. Er is een akkoord getroffen betreffende het verschuldigde bergloon aan de eigenaar van het stoomschip SPAIN, voor de door genoemd stoomschip aan het stoomschip LA HESBAYE bewezen diensten in maart laatstleden. Door het Amerikaanse gerechtshof was de som op DLR 8000 gesteld, doch de eigenaar van het stoomschip SPAIN was hier niet te vreden mee. Tenslotte werd overeengekomen om het bergloon op DLR 9000 te bepalen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 24 januari. Het op heden alhier verkochte Russische wrak KREON (opm: zie NRC 170196) heeft NLG 250 opgebracht en werd toegewezen aan P. Boon te Hoek van Holland. De zeilen en rondhouten brachten gezamenlijk NLG 618 op. (opm: NRC 260196: de inventaris bracht NLG 584 op)


27 januari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Mandal, 16 januari. Het Nederlandse schip ANTELOPE (opm: ex Ned. fregat H.W.M.) heeft de 14e dezer in veiling 3020 Kronen opgebracht. Koper is kapt. Schelbred uit Christiansand (opm: Kristiansand).


  LC - Leeuwarder Courant

De ondergetekenden geven hiermede kennis, dat zij de scheepstimmerwerf van J.E. Kapper te Wartena hebben overgenomen. Jaren lang zijn zij op die werf werkzaam geweest. Zij beloven een prompte bediening.
Wartena, 24 Jan. 1896 Hessel Wijbes van der Kolk, Johs. Hessels van der Kolk


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op woensdag 12 februari 1896 zal in hotel Concordia (opm: in Veendam) in het openbaar worden verkocht het kopervast gebouwde (opm: Nederlandse) driemast schoenerschip FRUITERER, groot 364 reg. ton, thans liggend te Delfzijl en laatst bevaren door kapt. W. Sijpkes te Oude Pekela.
Informatie te bekomen bij de boekhouder, de heer F.L. Drenth te Oude Pekela, en ten kantore van M. de Boer, notaris.


28 januari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Maandag 3 februari 1896, des morgens precies 10 uur, zal bij de voormalige kazerne te Delfzijl, publiek en à contant worden verkocht de complete inventaris van het te Delfzijl liggende kopervast Zweeds barkschip SCANDIA.
Terwijl des avonds 7 uur in het Hotel Evers te Delfzijl, op voorschreven voorwaarden zal worden verkocht het hol van voornoemd schip, benevens kompassen, sloepen en 1 vlet. Nadere informaties ten kantore van de heer P.J. Vos te Delfzijl.
J.C. Jentink, notaris te Delfzijl.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Op de scheepswerven in ons land is voor het eerste halfjaar van 1896 reeds zulk een groot aantal ijzeren schepen besteld, dat bij velen voorlopig geen nieuwe bestellingen kunnen worden aangenomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Volgens telegram van Lloyd's is het Nederlandse stoomschip BREMERHAVEN met schade te New York binnengelopen, veroorzaakt door op zee uitgebroken brand. De brand werd, voor er veel schade aan de lading werd toegebracht, geblust.


29 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 28 januari. Het Zweedse zeilschip SCANDIA, dat op 3 december j.l. als onbeheerd uit zee door het loodswezen alhier met een lading hout is aangebracht, is thans geheel gelost en afgetuigd, om verder de volgende week als strandgoederen verkocht te worden.


30 januari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Het Engelse stoomschip NORSEMAN van de Western & Brazilian Telegraph Co Ltd te Londen, groot bruto 1368 ton en gebouwd in 1865, is gekocht door de heer M. Springer alhier. (opm: voor de sloop)


31 januari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Schepen te koop: een best nieuw schip, plm. 20 ton; een best halfsleten roefschip, 25 ton; een dito plechtschip met inventaris, 26 ton; een dito roefschip 18 ton, bij O.H. v.d. Werff, Buitenstverlaat bij Drachten.


  LC - Leeuwarder Courant

Uit de hand te koop: de helft in een trekschip, varende van Franeker op Leeuwarden vice – versa, billijke koopprijs. Te bevragen bij Johs. Draaisma, scheepstimmerman te Franeker.


01 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zandvoort, 30 januari. De lading van het alhier gestrande barkschip FORSETE heeft in veiling circa NLG 15000 opgeleverd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 30 januari. De geborgen lading van het hier gezonken stoomschip THASOS, heeft in publieke veiling NLG 2530,20, en het wrak met de zich daarin bevindende lading NLG 58 opgebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 januari. De lading hout van de op de lading drijvende schoener ALBERDINA (opm: zie PGC 030196) is thans gelost en per spoor naar de bestemmingsplaats vervoerd. Het schip is afgekeurd (opm: zie HND 250396).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 30 januari. De Nederlandse tjalk TAMMO, laatst gevoerd door kapt. Joh.G. Mulder, is verkocht aan de heer Suk. Kapt. Mulder heeft de gaffelschoener GEZIENA gekocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 30 januari. De te Papenburg liggende Duitse galjoot FRIEDRICH is voor geheime prijs verkocht aan kapt. J.W. Kayzer alhier. (opm: zie PGC 280296)


03 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 januari. Het alhier thuisbehorende barkschip JANTJE, boekhouder de heer M.E. Kuipers, vroeger bevaren door kapt. J.W. Kayzer, komt onder commando van kapt. J. Homan, laatst gezagvoerder van het bij Hirtshals verloren gegane schoenerbrikschip ELIZABETH (opm: zie o.a. PGC 011095).


04 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: 3 nog in beste staat zijnde open pramen, groot 7, 6 en 4 ton. Te bevragen bij S.A. de Jong, scheepstimmerman aan de Geeuw te Sneek.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 februari. Het tjalkschip TRIJNTJE, groot 87 m³, is met volledige inventaris voor NLG 1610 gekocht door de heer Ph. Rottinghuis, alhier.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Zierikzee, 3 februari. Men schrijft uit Ouddorp: Dezer dagen heerste er in ons dorp een ongewone drukte en beweging, veroorzaakt door de verkoping van het hout van de gestrande Noorse Bark FAMILIEN. Van heinde en ver waren de kopers opgekomen. Er werden hoge prijzen besteed.
Het viermastschip WATERLOO, dat op St. Nicolaasdag j.l. aan de noordkust op het strand gelopen is, heeft insgelijk heel wat werk aangebracht. Rondom het vaartuig is men thans bezig in een wijde boog een dijk aan te leggen van zandzakken, waarna de binnenste ruimte van die boog wordt uitgegraven, om het schip weer water te geven en vlot te maken (opm: zie NRC 300396). Een honderdtal mensen verdienen hiermee een goed dagloon, wat voor velen van hen een onverwacht voordeeltje mag heten, daar ook hier voor de arbeidersstand ’s winters de werkeloosheid aan de orde van de dag is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 31 januari. De geborgen houtlading van de FINSALE (opm: FENSALE) is getaxeerd op NLG 6000. De bergers worden in evenredigheid daarmede uitbetaald.


05 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 februari. Door de directie van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier werd aan de scheepsbouwmeesters Rijkee & Co te Katendrecht de bouw opgedragen van een nieuw stoomschip (opm: POMONA) van ongeveer 900 ton, af te leveren ongeveer over zeven maanden.


06 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Gevraagd: scheepsmakersknechts, voor houtwerk en vast werk, bij J. Boot, scheepsbouwer in hout en ijzer te Woubrugge.


07 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

De ondergetekende bericht aan het geëerde publiek, dat hij zich te Grouw als scheepstimmerman heeft gevestigd, belovende een prompte en civiele bediening.
J.E. Kapper.


08 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 februari. Het stoomschip KONINGIN REGENTES van de Maatschappij Nederland arriveerde hier heden van Batavia via Padang en Genua na een zeer vlugge reis van 30 dagen. De reis van Genua naar hier werd in 7 dagen afgelegd.


09 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 5 februari. Het schip HANDELLUST arriveerde hier van Londen met verlies van voorsteng, grote bramsteng en tuig. (opm: zie NRC 290496)


10 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoop. G. Schuitema, kandidaat notaris te Groningen, zal op zaterdag 15 februari 1896, des avonds te acht uur, ten huize van kastelein J. Koster Laar op de Nieuweweg te Groningen, ten overstaan van Ettema, deurwaarder, à contant publiek verkopen: een overdekte tjalk, BERENDINA ENGELHART, groot 111 ton, met volledige inventaris, liggende in de Noorderhaven te Groningen, in eigendom toebehorende aan de Wed. S. Pennenga, om te aanvaarden binnen 8 dagen na de toeslag en dagelijks te bezien. Inmiddels uit de hand te koop.


11 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 10 februari. De BUSY BEE werd aangevaren door het Duitse schip LINDENFELS, van Antwerpen naar Calcutta, dat een groot gat in de boeg bekwam en hier ter rede terugkeerde met de geredde equipage van de BUSY BEE. Tot aanduiding van het wrak is het stoomschip COERTZEN van het Loodswezen daarbij geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 10 februari. Hedennacht zijn in de Wielingen nabij het lichtschip, twee Engelse stoomschepen in aanvaring geweest. Eén daarvan, de BUSY BEE, zonk, het volk is gered. De transportschoener COERTZEN vertrekt derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 10 februari. Volgens van Terheide ontvangen bericht is aldaar een stoomschip gestrand. De sleepboot WODAN, ZEELAND, ROTTERDAM, PERNIS en VLAARDINGEN zijn met de blazer derwaarts vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 10 februari. Tengevolge van dikke mist is de op de rede liggende bark CAMBRIDGE QUEEN door de mailboot KONINGIN REGENTES aangevaren. Beide schepen kregen averij.


12 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Gevraagd: een scheepstimmerknecht, ongehuwd, zijn werk geheel of ten dele verstaande, vast werk, bij T. v.d. Wal te Berlikum (Friesl.)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 februari. Het stoomschip LINDENFELS dat het stoomschip BUSY BEE in de grond gelopen heeft, ligt op de rede, wachtend op orders. Het zou in de haven gekomen zijn, doch wordt daarin door zijn diepgang 25 voet verhinderd. De bij het wrak van de BUSY BEE voorlopig geplaatste stoomschoener COERTZEN, zal heden door een ander vaartuig vervangen worden.


14 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het brikschip MARTHA, groot 354 register ton, liggende te Bremerhaven en te bevragen bij J. Kremer te Appingedam.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop een nieuw roefschip, groot plm. 30 ton, en een overdekte praam, in de maak, groot plm. 20 ton, bij Gebrs. Van der Kolk te Leeuwarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 11 februari. Het Belgische stoomschip ANVERS is volgens telegram uit Buenos Aires in aanvaring geweest met vijf lichters, die een eis tot schadeloosstelling ten bedrage van GBP 2000 hebben ingediend. Het stoomschip ANVERS leed geen schade.


16 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 februari. Het Belgische stoomboot LE SOUVERAIN van Antwerpen naar Nantes met stukgoed, is op de rotsen bij St. Nazaire verongelukt. De equipage is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hansweert, 15 februari. Het stoomschip LEONORA, van Antwerpen naar Duitsland, bekwam in het kanaal alhier lekkage, vermoedelijk zijn er nagels gesprongen, de boot ligt bij de spoorbrug te Vlake, er zijn enige pompers aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 15 februari. De stoomtrawler OSTENDE 53 is gezonken in peiling Kijkduin 220º; 10 man der equipage werden hedennacht gered door de visschuit HD 76.


17 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Schepen te koop: een best en sterk gemaakt, mooi, nieuw praamschip met bollestal, roef, warings en boorden, van droog hout, 15 à 16 ton, geschikt voor moddervaren en velerlei gebruik; ’t is bijna klaar, en een best halfsleten snikschip met tuig, 11 ton, voor billijke prijzen te koop bij L.O. Lantinga, scheepstimmerbaas te IJlst.


18 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 17 februari. De driemastschoener MONTROSE is hier van Delfzijl aangekomen om de geborgen lading van het hier gestrande schip FENSALE in te nemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 februari. Een reddingboot van het bij Vlissingen gestrande stoomschip BUSY BEE, heeft men drijvende gevonden en te Heyst binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 17 februari. Een sleepboot met een duiker vertrok hedenochtend naar buiten teneinde een onderzoek in te stellen op het wrak van de BUSY BEE.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Veendam, 14 februari. Ten overstaan van de Heer M. de Boer notaris te Nieuwe Pekela, werd 12 dezer publiek te koop gepresenteerd (opm: zie PGC 270196) het Nederlandse driemast schoenerschip FRUITERER, groot 355 ton, en gebouwd in 1865, met inventaris. Door de heer F.L. Drenth van Oude Pekela, boekhouder van vermelde bodem, werd NLG 900 geboden. (opm: PGC 180296: zes jaar geleden werd er nog NLG 11500 betaald voor het schip)


19 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 18 februari. Aangezien het wrak van de THASOS gevaarlijk voor de scheepvaart ligt, zijn heden door de eigenaar drie boeien gelegd.


20 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Christiansand, 15 februari. De Nederlandse schoenerbrik ALBION, kapt. J.D. Duit, van Riga naar Grangemouth, de 8e december hier lek binnengelopen, heeft gisteren na volbrachte reparatie de geloste lading weder ingenomen en heden de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 19 februari. Het onderzoek op het wrak van het gezonken stoomschip THASOS was zeer bevredigend. Bij gunstig weder bestaat een kans dat nog veel van de lading geborgen kan worden. Heden zijn uit het achterschip 4 vaten en 4 balen opgehaald.


21 februari 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een beste, nieuwe snik, groot 12 ton, bij W. Stienstra, scheepstimmerman op Zevenhuizen onder Franeker.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een nieuw schip, 28 ton, geheel klaar, en een nieuwe praam, 8 ton, bij S.P. Boorsma te Oostermeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 19 februari. Volgens telegram van Lloyd’s heeft het Nederlandse stoomschip CALEDONIA, bestemd voor Rotterdam, zware schade aan bakboordboeg bekomen door een aanvaring in de Tyne. (opm: zie PGC 240296)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Donderdag 27 februari 1896, des morgens precies 10 uur, zal bij de voormalige kazerne te Delfzijl publiek verkocht worden de complete inventaris van het te Delfzijl liggende Zweedse (opm: Duitse vlag, zie o.a. PGC 030196) schoenerschip ALBERDINA, terwijl des avonds 7 uur in het logement van de Wed. de Vries zal worden verkocht het hol van voornoemd schip, benevens 1 boot en 2 kompassen. Nadere informatie ten kantore van de heer P.J. Vos te Delfzijl.
Get. J.C. Jentink, notaris te Delfzijl.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 19 februari. De reparatie aan de mailboot KONINGIN REGENTES is heden gereed gekomen. Morgen, donderdagavond, vertrekt zij weer naar Queensborough.


22 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire. Het (opm: Belgische) stoomschip LE SOUVERAIN zit onbewegelijk op het strand, en er bestaat niet veel kans om het af te brengen. (opm: zie NRC 260296)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Emden, 17 februari. De vroegere Nederlandse tjalk GRIETJE, wegens schade te Borkum verkocht, wordt thans gerepareerd. Het schip heeft een groot gat in de boeg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 februari. Een overeenkomst is gesloten om het koper in het bij Vlissingen gestrande stoomschip BUSY BEE te bergen tegen 42% der waarde op grondslag ‘no cure no pay’.


23 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Volgens telegram Lloyd's is het Nederlandse stoomschip SMIT met gebroken hogedruk cilinderdeksel te Singapore uit zee teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 februari. Volgens rapport van de gezagvoeder C. Drooglever Fortuyn uit Genua d.d. 20 dezer werd het stoomschip PRINS HENDRIK van de Stoomvaart Maatschappij Nederland, het welk 8 dezer van Amsterdam en 11 dezer van Southampton is vertrokken, de 14e dezer door een drijvend voorwerp geraakt, waardoor men aan boord vermoedde dat één der schroefbladen verloren ging. Bij aankomst in Genua ging het schip onmiddellijk in dok, waarbij bleek dat 1 blad geheel afgebroken, en 2 andere gedeeltelijk afgebroken en geheel verbogen waren, zodat het nodig was 3 nieuwe bladen, die als reserve aan boord waren, aan te zetten. Het stoomschip was donderdag 20 dezer geheel gereed om op mailuur van Genua naar Batavia te vertrekken.


24 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

South Shields, 19 februari. Het stoomschip CALEDONIA, met kolen naar Rotterdam bestemd, is in aanvaring geweest met het stoomschip ROBERT THORMEN (opm: zie PGC 210296). De CALEDONIA heeft verscheidene boegplaten beschadigd, terwijl het andere stoomschip eveneens schade heeft geleden.


25 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ponce, Puerto Rico, 30 januari. Het Nederlandse vaartuig ISABEL, kapt. Nicholson, groot 53 ton, is de veertiende dezer met schade alhier binnengelopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 23 februari. Uit het wrak van het stoomschip THASOS heeft men een pak manufacturen enz. opgehaald, en daar het achterschip nog goed is, hoopt men nog veel van de lading te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 23 februari. De hier gestrande en hier afgebrachte tjalk WILHELM is heden van de werf gekomen en zal de lading weder innemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Een groot deel der wrakgoederen, te Fano (opm: Fanø, ter hoogte van Esbjerg) aangedreven, zijn afkomstig van het in december laatstleden met man en muis verloren geraakte stoomschip AMSTEL, van hier naar Hamburg bestemd. (opm: zie NRC 201295 en PGC 070196)


26 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire, 22 februari. Het gestrande Belgische stoomschip LE SOUVERAIN (opm: zie NRC 220296) zit nog in de zelfde staat en wordt met de lading als totaal verloren beschouwd.


27 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 22 januari. Hr.Ms. SUMATRA, wier ziekelijke toestand en langdurig verblijf in het hospitaal onzer vloot, dat Marinewerf heet, ook reeds in de Tweede Kamer de aandacht heeft getrokken, zal, blijkens berichten van Ampenan, waarheen zij voor enige dagen vertrok, spoedig hier terugkeren om een kleine (!) reparatie te ondergaan. Men zou werkelijk gaan geloven, dat de curiositeiten, die omtrent haar reparatie verteld worden, waarheid bevatten. Zo zouden, toen de machine, na uit elkaar genomen en hersteld te zijn, weer ineen werd gezet, er negen-en-dertig bouten zijn overgebleven, waarvan men niet wist waar zij gezeten hadden, en die men niet wist te plaatsen. Deze zouden toen maar rustig op de marinewerf gebleven zijn, terwijl de SUMATRA probeerde zonder deze te varen. De commandant van een ander schip, ik geloof Hr.Ms. KONINGIN WILHELMINA, zou bij het binnenkomen der werf bevolen hebben de machinekamer te sluiten en onder generlei voorwendsel een der scheepsbouwkundigen daarin toe te laten, uit vrees voor de hulp dezer doctoren.


28 februari 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 25 februari. Het Nederlandse schip HEVESKES II, kapitein Stukje, begin februari van Morant Bay te Havre aangekomen, is van daar bevracht naar Darien (opm: Georgia, V.S.) om aldaar te laden voor Delfzijl.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 25 februari. Het schoenerschip FRIEDRICH, dat onlangs (opm: zie PGC 010296) te Papenburg door kapt. J.W. Kayzer alhier werd aangekocht, is omgedoopt in VRIENDSCHAP. Het schip bevindt zich nog te Papenburg, alwaar het cokes zal laden voor de Oostzee.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 25 februari. Het te Papenburg liggende Duitse schoenerschip ELIZABETH is uit de hand verkocht aan kapt. F. Bakker te Wildervank. Prijs geheim.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop:
1. Een houten roefscheepje, lang 51, wijd 12, hol 4¼ voet, groot ± 24 ton (oude meting), extra sterk gebouwd, pas te water gelaten. Een deel van de koopschat kan tegen soliede borgstelling in jaarlijkse termijnen afbetaald worden.
2. Een halfsleten praam, groot 12 ton, met roef, luiken en tuigage.
Beide bij J.J. Croles te IJlst, scheepsbouw in staal, ijzer en hout.


29 februari 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 28 februari. Bij duikeronderzoek is gebleken dat de lading uit het voorschip van het gezonken schip THASOS moeilijk te bergen zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 februari. Het stoomschip WERKENDAM van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, gisteren van Amsterdam te New York aangekomen, heeft een schroefblad verloren en moet te New York dokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 februari. Aan de rederij van het (opm: Belgische) stoomschip PENNLAND, dat de 2e november van het vorig jaar het stoomschip OBDAM van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, dat de schroefas had gebroken, te Halifax binnensleepte, is een hulploon van GBP 3750 toegekend.


02 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 27 februari. Het Duitse schoenerschip ALBERDINA, kapt. Eckhoff, van Porsgrunn naar Papenburg, de dertigste december 1895 in averij alhier binnengekomen, is heden ter sloping verkocht voor de som van NLG 420 (opm: koper van het hol werd de heer Weinschenk te Amsterdam; de inventaris ging voor in totaal NLG 670 in verschillende handen over). De lading hout is per spoorweg naar de bestemmingsplaats verzonden.


03 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best halfsleten, zeer geschikt schip, 19 ton, en een dito praam met roef, een beste nieuwe praam, 6 ton, en een beste nieuwe zeilboot, bij A.J. van Wageningen te Veenwouden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping te Vlissingen. De notaris W.S. Bosch, zal ten verzoeke van kapitein Niels Conrad Bökman op vrijdag 6 maart 1896, des namiddags ten 2 uur in café Bos, Beursplein, tegen contante betaling verkopen het wrak INDIEN van eiken- en grenenhout, kopervast, groot 561 reg. tonnen, zal liggen ter rede van Rammekens, met een anker en ongeveer 105 vadem ketting, alsmede de nog in het wrak aanwezige lading Zweeds blokijzer, vermoedelijk 4 à 5 ton.
Inlichtingen te bekomen bij de heren De Groof & Co, cargadoors, en ten kantore van genoemde notaris, beiden te Vlissingen.
(opm: de Zweedse houten bark INDIEN werd op 26 november 1895 in zwaar beschadigde staat te Vlissingen binnengebracht)


04 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

G. Barkmeijer, scheepsbouwer in hout, ijzer en staal, te Aalsum bij Dockum. Aanbevelend. N.B. Te koop een halfsleten roefschuitje, groot 15 ton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 1 maart. De aanvaring tussen het stoomschip LA BOURGOGNE en het stoomschip AILSA, dat ten anker lag, vond tijdens dikke mist met zulk een kracht plaats, dat de LA BOURGOGNE bijna half door de AILSA doordrong. Eerstgenoemd heeft geringe schade geleden, dewijl slechts één der huidplaten is gebroken.
Daar de gezagvoerder van de AILSA bemerkte, dat zijn schip spoedig zou zinken, liet hij onmiddellijk het anker lichten en stuurde het zinkende vaartuig naar land, om het aan de grond te zetten. De passagiers klommen in het want. Op ongeveer 300 yards van land raakte het bij Fort Hamilton aan de grond en is nu slechts een paar voet van de schoorsteen zichtbaar. De passagiers en equipage werden spoedig door toesnellende sleepboten uit het want gehaald. Het stoomschip LA BOURGOGNE, dat de mail aan het stoomschip CAMPANIA heeft overgegeven, zal niet vóór maandag (opm: 9 maart) gereed zijn om de reis voort te zetten.
Onder de bemanning van de AILSA waren vele Spanjaarden en Italianen, die zich met geweld van een der boten meester maakten, en ieder dreigden dood te steken, die hen wilde beletten zich met de boot van het stoomschip te verwijderen. Men kon de boot nog zien toen het schip zonk. De gezagvoerder bleef op de brug, totdat hij tot de borst in het water stond, toen klom hij tegen de laadboom op, terwijl het schip in 30 voet water zonk. Ook de vrouwen in het want stonden tot de heupen in het water. De gezagvoerder was de laatste die het gezonken stoomschip verliet. (opm: de LA BOURGOGNE is een Frans passagiersschip, de AILSA een Engels stoomschip)


09 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 6 maart. Gisteravond heeft het casco van het Nederlandse schip FRUITERER NLG 1220 opgebracht. Koper is de heer Constans te Nieuwediep. (opm: zie PGC 110396)


10 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een uitmuntend, best nieuw schip van droog hout, plm. 30 ton (opm: zie LC 010119), een 7 jaar oud, groot 19 ton, zeer solide, benevens verschillende roei- en zeilschouwen, voor zeer billijke prijzen, bij T.A. v.d. Werff te Warga.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Shanghai, 31 januari. Het barkschip ANNA MARIA, van hier in ballast naar Nagasaki, is op de Goto-eilanden (opm: bij Nagasaki) met man en muis verongelukt. (opm: vermoedelijk geen Nederlands schip)


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Westen-Schouwen, 9 maart. Gepasseerde nacht is op de Banjaard gestrand de Engelse barge EDITH MARY, kapitein James Hunt, van Porthmouth naar Gent, met een lading phosphore-ammoniac. De equipage, bestaande uit kapitein, stuurman en een jongen, is met eigen boot hier geland. Het schip is het Brouwershavense Gat ingedreven en door Ouddorpers opgepikt.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Vlissingen, 7 maart. Uit Vlissingen wordt gemeld, dat op de Zeeuwse bark INDIEN en de daaruit geloste lading hout en ijzer vrijdag (opm: 6 maart) door de bergers, op machtiging van de arrondissements-rechtbank te Middelburg, conservatoir beslag is gelegd. Bedoeld schip en lading zou binnen weinige dagen in publieke veiling worden gebracht. Naar men meedeelt, schijnt de oorzaak van het beslag gelegen te zijn in de niet voldoening van het bergloon, daar de gezagvoerder Bökman geen genoegen neemt met de taxatie der waarde van schip en lading, geschied door drie deskundigen, daartoe op gemeenschappelijk verzoek van de gezagvoerder en de bergers door de kantonrechter te Middelburg benoemd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hansweert, 9 maart. Het tjalkschip ZWERVER, schipper Kamman, met bloem geladen van Antwerpen naar Amsterdam, is zonder roer binnengesleept door het stoomschip UTRECHT van de firma Braakman & Co.


11 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 7 maart. De heer C. Constant te Nieuwediep, koper van het casco van het Nederlandse schip FRUITERER (opm: zie PGC 090396), heeft dit onderhands verkocht voor NLG 1416 aan de alhier wonende sloper D. Roelfs, zodat het hier (opm: in Delfzijl) zal worden gesloopt. De inventaris heeft NLG 900 opgebracht.


12 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Uit de hand te koop, voor de geringen prijs van NLG 150, een nog in goede staat zijnd roefscheepje, groot 17 ton, met tuig, planken, bomen, enz.
Te bevragen dagelijks bij Gebrs. Toornstra, scheepswerf, Dockum.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gravesend, 8 maart. Het stoomschip DORDRECHT, van Buenos Ayres, dat te Deptford vee heeft gelost, heeft 28 runderen en 27 schapen op de reis verloren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 7 maart. Door kapitein Arkema te Farmsum is het te Danzig (opm: Gdansk) liggende barkschip G.F. FOCKING, groot 500 registerton, aangekocht. Prijs geheim.


13 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een nieuw roefschip, groot plm. 17 ton, spoedig gereed, een nieuwe 7-tons open praam, twee beste halfsleten pramen met roef en luiken, groot 13 en 14 ton, en een bokvaartuig, groot 5 ton, alles uiterst lage prijzen.
Dagelijks te bevragen bij J. Barkmeijer te Birdaard.


  DS - Dagblad Scheepvaart

Op de aandelen der Amsterdamsche Droogdok Maatschappij zal een dividend van 11% worden voorgesteld.


  DS - Dagblad Scheepvaart

Delfzijl, 13 maart. Het Nederlandse schip MONTROSE (opm: bark, rederij F.L. Drenth, Oude Pekela), kapt. B.H. Visser, hedenmorgen met hout ex FINSALE (opm: FENSALE, zie ook NRC 180296) van Terschelling naar Plymouth vertrokken, is blijkens bericht van daar in het Stortemelk gestrand en wrak. De tuigage is overboord. Het volk is door de loodskotter gered


14 maart 1896


  DS - Dagblad Scheepvaart

Vlieland, 14 maart. Het volk van de MONTROSE is op Terschelling geland. Schuitjes zijn bezig om de lading te bergen.


15 maart 1896


 SCC - Schager Courant

Advertentie. Derde grote openbare verkoping op dinsdag 24 maart 1896, 's morgens ten 10 ure te Sint Maartensvlotbrug, gemeente Zijpe, van scheepshout afkomstig van het Zweedse barkschip EMIL, bestaande uit 20 dekbalken, lang 6 à 8 meter, zwaar 28 bij 28 cm; 6 lijfhoutbalken, lang 8 à 12 meter, zwaar 30 bij 30 cm; 50 buitenhuidplanken, lang 6 à 10 meter, zwaar 25 bij 7 en 20 bij 10 cm; een partij oplangers, alles eikenhout; 10 grenen dekbalken, lang 6 à 8 meter, zwaar 30 bij 30 cm, 6 dito lijfhoutbalken, lang 8 à 12 meter, zwaar 30 bij 30 cm; 2 buitenhuidplanken, lang 8 à 12 meter, zwaar 8 bij 20 cm; een grote partij brandhout en hetgeen meer te koop zal worden aangeboden. Alles gunstig gelegen aan het Noord-Hollands Kanaal en de Grintweg.
Nadere informaties verstrekken de heren : P. Breed & Co te Sint Maartensvlotbrug en J. van der Maaten, deurwaarder te Schagen.


16 maart 1896


  DS - Dagblad Scheepvaart

Vlieland, 16 maart. Het gestrande Nederlandse schip MONTROSE is losgeraakt en drijft gevaarlijk voor de scheepvaart in het zeegat van Vlieland. De berging is gestaakt.
Uit het schip zijn geborgen en bij de strandvonder hier opgeslagen 427 delen, 121 battings, 1271 schroten, 2 ankers, 2 stukken tros, 74 kilo koper en veel wrakhout.


  DS - Dagblad Scheepvaart

Terschelling, 13 maart. Van de wrak geworden bark MONTROSE is een klein gedeelte der lading, in zee drijvende, door vissers opgepikt en bij de strandvonder aangebracht.
Er is niets meer van het wrak over dan een gedeelte van het dek, met de hut en een stompje van één der masten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Terschelling, 13 maart. Het Nederlandse schip MONTROSE, kapt. B.H. Visser, heden van hier met hout uit de FINSALE naar Plymouth vertrokken, is op de buitentonsrug van het Stortemelk gestrand en volgens rapport totaal verbrijzeld. De masten zijn overboord, het volk is gered. (opm: zie DS 130396)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 12 maart. Voor het Hof van Appel werd heden behandeld de zaak der aanvaring van het stoomschip EDAM en het stoomschip TURKISTAN op 19 september 1895 tussen Eddystone en Start Point, ten gevolge waarvan de eerstgenoemde is gezonken. De president, die de zaak der aanvaring in oktober l.l. had behandeld, besliste, dat, toen de TURKISTAN drie stoten van de misthoorn van de EDAM hoorde, men onmiddellijk had moeten stoppen. De bewering, dat de EDAM te veel vaart liep, dat het roer verkeerd naar bakboord werd gelegd, miste volgens de president alle grond, weshalve de TURKISTAN de schuld van de aanvaring werd opgelegd. De reders van de TURKISTAN appelleerden tegen deze beslissing, bewerende dat volgens de daadzaken en de waarschijnlijkheden de EDAM alleen aan de aanvaring schuld zou hebben. Het Hof van Appel bevestigde het vonnis, indertijd gewezen inzake de aanvaring EDAM / TURKISTAN, waarbij uitsluitend de TURKISTAN aan de aanvaring werd schuldig verklaard.


17 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

San Sebastian, 9 maart. Het gestrande Nederlandse schip VERTROUWEN is zwaar beschadigd. Verscheidene pogingen zijn aangewend om het schip af te brengen, doch vruchteloos. Het schip is thans verlaten. (opm: zie PGC 310396)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men meldt ons uit Vlieland: Het wrak van de MONTROSE is zuidwest van de zwarte uiterton in het Stortemelk vastgeraakt. De masten, ra’s en bomen steken boven water; het zit zeer gevaarlijk voor de scheepvaart.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlie, 16 maart. De bemanning van het gestrande schip MONTROSE werd door de loodsafhaler gered en op Terschelling geland. De stoomblazer GENERAAL BOOTH zal trachten het wrak vlot en hierheen te slepen. Volgens een later bericht is van de wrak geworden bark MONTROSE een klein gedeelte der lading in zee drijvende en door vissers opgepikt bij de strandvonder aangebracht. Er is nu niets meer van het wrak over, dan een gedeelte van het dek, met de hut en een stompje van een der masten.
Later bericht: Het schip MONTROSE is losgeraakt en drijft gevaarlijk voor de scheepvaart in de richting van het zeegat van Vlieland. De berging is gestaakt. (opm: zie NRC 170396)


20 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een beste roefbok, groot 13 ton, met inventaris, geschikt voor alle vervoer. Te bevragen bij H. Westerhuis te Poppingawier.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een overdekte roefsnik, groot 12, en een overdekt roefschuitje, groot 14 ton, bij Johs. Draaisma & Zoon, staal, ijzer en houten scheepsbouwers te Franeker.


21 maart 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Het Nederlandse barkschip KINDERDIJK, kapitein De Boer, van Samarang, laatst van St. Michael (opm: Azoren), waarop reeds 10% reassuratie was gesloten, arriveerde gisteren te New York; alles wel aan boord.


22 maart 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 maart. Volgens bij de directie der Maatschappij Neptunus ontvangen bericht, arriveerde het fregatschip HUGO MOLENAAR, kapitein Schenk, de 21e dezer des avonds van Hamburg te Shields, gesleept door de sleepboot NOORDZEE.


23 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een nieuw schip, lang 47 voet, wijd 11 voet 6 duim, hol 3 voet 9 duim, inhoud 21 ton, met inventaris. Te bevragen bij M. v.d. Werf, Bergum.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Greifswald, 19 maart. Het Nederlandse tjalkschip WELVAART, kapt. De Boer Sap, werd door de bergingsstomer RÜGEN vlot en te Warnemünde binnengesleept. Het vaartuig is lek en moet repareren. Er werd geen accoord gemaakt. (opm: zie PGC 270396)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 17 maart. De Nederlandse tjalk WELVAART, kapt. De Boer Sap, met 550 vaten petroleum van Geestemünde naar Malmö, is heden op Laaland (opm: Lolland) bij Rødby gestrand.


25 maart 1896


 HND - Het Nieuws van den Dag

IJmuiden, 24 maart. Het schip ALBERDINE (opm: Duitse schoener, zie o.a. PGC 010296) is alhier heden aangekomen van Delfzijl, gesleept door de sleepboot MARTIN POPELAU, om te worden gesloopt.


26 maart 1896


 SCC - Schager Courant

Advertentie. Openbare verkoping op vrijdag de 27e maart 1896, des morgens te 11 ure, in het logement De staande Leeuw, bij J.C. Hoogvorst te Groet, gemeente Schoorl, ten overstaan van de notaris B. van der Veen, te Schoorldam van het wrak van het gekoperde en kopervaste Noorse barkschip GEFION, groot 303 registertons, zoals hetzelve is zittende in de nabijheid van Kamperduin.
Informaties te bekomen ten kantore van de heren Duinker, Goedkoop & Co te Nieuwendiep en bovengenoemde notaris.


27 maart 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een halfsleten zeil- en roeiboot, met of zonder tuig, ook genegen te ruilen voor een licht bootje. Te bevragen bij Minne v.d. Werf, scheepstimmerman, Bergumerdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rostock, 20 maart. Zoals reeds is vermeld (opm: zie PGC 230396) werd de Nederlandse tjalk WELVAART door de sleepboot RÜGEN van de strandingsplaats te Warnemünde binnen gebracht. De helft der lading petroleum werd door de RÜGEN overgenomen en te Warnemünde wederom overgescheept in een lichter. De WELVAART en lichter kwamen heden gesleept door de RÜGEN hier bij de Petroleumbergplaats aan om de lading te lossen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Volgens telegram van Lloyd’s zal het stoomschip DOELWIJK, met lekkage in de ballasttanks te Reval (opm: Tallinn) aangekomen, na op het strand gezeten te hebben, vermoedelijk onder begeleiding naar Stockholm vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 21 maart. Volgens een particulier bericht uit Reval (opm: Tallinn) is het Nederlandse stoomschip DOELWIJK gedurende de mist bij Oldensholm aan de grond gevaren. Een bergingstomer vertrok derwaarts, daar de kapitein assistentie vroeg. (opm: zie NRC 270396 en PGC 280396)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het Nederlandse stoomschip AFRIKAAN van de Nieuwe Afrikaansche Handels Vennootschap te Rotterdam, is verkocht aan de firma Wm. Ruys & Zn, en bestemd voor de vaart op de Middellandse Zee.


28 maart 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Laatstleden woensdag (opm: 25 maart) had in het Gerechtsgebouw te Middelburg andermaal een executoriale verkoping plaats van een schip, namelijk het tjalkschip DE TWEE GEBROEDERS, groot volgens meting 121 ton (60 last), met al wat aan, op en in dat schip aanwezig is, zo en in dier voege als het in beslag genomen en thans is liggende te Terneuzen, in de Vluchthaven.
Van het schip werd koper de heer J. W. Verhulst q.q, voor NLG 510.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 maart. Volgens telegram van Lloyd’s is het Nederlandse barkschip ARDJOENO, kapitein Bakker, van Cardiff naar Samarang, ter rede van Penarth uit zee teruggekeerd. Het schip heeft zwaar stormweer gehad, waardoor het zware schade aan verschansingen en boten heeft geleden en de gezagvoerder verwond werd. (opm: zie NRC 080596)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 maart. Duikers die de DOELWIJK hebben onderzocht rapporteerden, dat alle bladen van de schroef beschadigd zijn en de kiel gedeeltelijk verbogen is. Tussen het grootruim en achterruim zijn aan stuurboord verscheidene nagels gesprongen en platen ingedeukt en aan bakboord vele platen gedeukt en gebroken.
Het schip vertrekt heden naar Stockholm om te dokken, begeleid door een bergingsstoom- schip.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 26 maart. Volgens hier ontvangen telegram is het stoomschip DOELWIJK zonder assistentie vlot en te Reval (opm: Tallinn) binnengekomen. Men vreest voor ernstige schade aan de bodem.


29 maart 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In de heden te Amsterdam gehouden Algemene Vergadering van Aandeelhouders der Scheepvaartmaatschappij ‘Amsterdam’ is het verslag over 1895 uitgebracht, uit hetwelk o.a. blijkt dat het schip der vennootschap ZWIJGER betaald is met circa NLG 47000 doch 50 dagen te laat, eerst in mei werd afgeleverd. Door de vertraging is het schip te laat in Rio Grande aangekomen dan dat voordelige vrachten konden worden bedongen. Bovendien werd het schip later door een cycloon belopen en bekwam daardoor averij.


30 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hellevoetsluis, 26 maart. Het viermast schip WATERLOO, dat 7 december 1895 op het strand geraakte, is hedennacht vlotgekomen (opm: zie ZZN 040296) en ligt thans achter de Kwak geankerd. De sleepboot ROTTERDAM verleent assistentie.
Later bericht: wind N.W. storm. De WATERLOO ligt nabij Zuid Pampus tegen de lagerwal geankerd. De sleepboten ROTTERDAM en GIER zullen trachten het schip in de kanaalhaven te slepen.


31 maart 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

San Sebastian, 21 maart. De Nederlandse tjalk VERTROUWEN, te Zuniola gestrand en wrak geworden (opm: zie PGC 170196), is voor 3000 Pesetas in publieke veiling verkocht. Door de laatste stormen heeft het veel geleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 30 maart. Gisterenmorgen had voor Antwerpen een aanvaring plaats tussen het stoomschip ATALANTE en de tjalk de VIER GEBROEDERS, schipper Kloeck. Om zinken te voorkomen werd de tjalk aan de grond gezet. De lading bestaat uit 80.000 kilo mais voor Nederland bestemd.


01 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 29 maart. Van de lading van het in de Wielingen gezonken stoomschip BUSY BEE, is thans 42 ton koper geborgen, zijnde op een halve ton na de gehele lading koper die zich aan boord bevond. Van de rest der lading is niets geborgen en zal volgens de bergers niets geborgen kunnen worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Snelle Bouw. Maandag a.s. wordt een stoomschip aan de Wear te water gelaten van 2600 ton, dat in 48 dagen zover gereed gemaakt werd, dat het de helling kon verlaten.


02 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 maart. Ook heden liet de toestand der zee niet toe, om lading uit het schip STANLEY te bergen. Er is sinds zondag geen vaartuig meer langszij geweest.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 maart. Nabij de Eierlandse gronden dreef heden een wrak, vermoedelijk een omgeslagen vissersschuit. Enige vissers van De Cocksdorp zijn uitgezeild om een nader onderzoek in te stellen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het kolen vervoer van het Anglo-Dutch Syndicate naar Rotterdam heeft 28 dezer een aanvang genomen met het afzenden van een lading kolen uit de Tyne, en gisteren één uit de Wear en één uit de Tyne, allen naar Rotterdam bestemd. De verschepingen zullen geregeld doorgaan, een gedeelte op rekening van het kolencontract der Rotterdamse gasfabriek, waarvan het syndicaat een derde der gevraagde hoeveelheid bij inschrijving heeft verkregen en ook gedeeltelijk voor de bunkerkolen voor de stoomvaart, ten einde te concurreren met de Westfaalse kolen.


03 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 april. Het stoomschip ORION, waarvan de bouw begin december 1895 door de directie van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier aan de scheepsbouwmeester James Laing te Sunderland werd opgedragen, is heden met goed gevolg te water gelaten. De ORION is een stoomschip van ca. 700 ton.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best roefschip van 25 ton en een best gemaakt nieuw roefschip plm. 20 ton, bij O.H. v.d. Werff te Buitenstvallaat bij Dragten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 02 april. Van de lading van het in de Eierlandse gronden gestrande schip STANLEY zijn heden 31 balen jute en 14 balen katoen geborgen en alhier aangebracht. Door experts is heden een onderzoek naar de toestand van het schip ingesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 02 april. De grote- en kruismast van het schip STANLEY zijn overboord geslagen. De bergingsgelegenheid is ongunstig.


04 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars H.N. Montauban van Swijndregt, H.H. van Dam en C.H. van Dam te Rotterdam zullen als lasthebbenden van hun meesters op woensdag de 15e april 1896, des middags te12 uren, in de zaal van het gebouw Pro Patria aan de Scheepmakershaven no. 29 publiek veilen het snelzeilend Duitse barkschip ELISE, volgens meetbrief lang 53,26 meter, wijd 10,64 meter, hol 6,97 meter, en alzo groot 984,41 Britse register-ton, met al deszelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals het is liggende in de Oostkous te Rotterdam. Het schip is in het jaar 1868 te Boston gebouwd. Nadere informatiën bij bovengenoemde makelaars en bij de heren Kuyper, van Dam en Smeer, zijnde het schip inmiddels uit de hand te koop.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 1 april. De Groninger zeetjalk ZWALUW, kapt. J. Balk, met een lading pannen van Makkum naar Hamburg bestemd, is hier enigszins lek binnengelopen en op de rede geankerd.


05 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 3 april. STANLEY. Heden zijn uit het gestrande Engelse schip gelost en alhier aangebracht 3 balen katoen en 5 balen en een los partijtje jute. Volgens rapport kapitein Bakker van de sleepboot HERCULES, is het schip finaal door midden gebroken en het voorschip 12 voet gezakt.


07 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 4 april. Het aanbod van de Rotterdamse Bergingsmaatschappij om de lading van het gestrande schip STANLEY voor 38% te bergen en hier te landen is aangenomen.


08 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 6 april. STANLEY. Voor lossing van het overige gedeelte der lading is een bergloon bedongen van 38%. De geborgen goederen moeten voor dat bedrag naar Engeland vervoerd worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 7 april. Alhier zijn aangebracht 16 balen hennep uit het schip STANLEY.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Falmouth, 2 april. De gezagvoerder van het schip CHIMEA, van Jamaica hier aangekomen, rapporteert op 3 maart bij Florida te hebben aangetroffen het Nederlandse schip CONCORDIA, kapt. Kuiper, van Jamaica naar Goole bestemd. De kapitein van de CONCORDIA was ziek en de stuurman van de CHIMEA ging over naar de CONCORDIA om het schip te besturen. Na drie dagen was kapt. Kuiper echter in zoverre hersteld, dat hij het bevel weer over kon nemen en genoemde stuurman keerde weer naar de CHIMEA terug.


09 april 1896


 HND - Het Nieuws van den Dag

Gedurende het vierde kwartaal van 1895 zijn zeven Nederlandse schepen verloren gegaan, als:
- De houten brik JOHANNA, 205 netto tons, de 17e november op de reis van Helsingfors naar Groningen in de Noordzee verlaten en later op Helgoland gestrand en afgekeurd (opm: zie o.a. PGC 191195).
- De houten schoener ALBERTINE, 127 netto tons, op de reis van Moss naar Papenburg de 12e oktober vol water te Christiansand binnengesleept en later afgekeurd (opm: zie o.a. PGC 091195).
- De houten brik MEEDEN, 194 netto tons, op de reis van Buenos Ayres naar Plymouth de 29e oktober lek te St. Michaels binnengelopen en de 11e november afgekeurd (opm: zie PGC 021295).
- De houten bark ANTELOPE, 1030 netto tons, van Pieterlaks naar Hull lek te Mandal binnengelopen en op de 10e november op de Riisoerbank gestrand (opm: zie o.a. PGC 131195).
- De houten brik BRITANNIA, 297 netto tons, vóór 30 oktober bij Kaap Catalina wrak geworden.
- De houten driemast-schoener SPES NOSTRA, 221 netto tons, op de reis van Windau naar Grangemouth de 16e december aan de Oostkust van Oeland gestrand (opm: zie o.a. PGC 181295).
- De houten kof WIENKE EN WIJNANDUS, 100 netto tons, de 25e november bij Borkum wrak geworden (opm: zie o.a. PGC 291195).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis 8 april. De sleepboot KINDERDIJK vertrok hedenochtend met een blazer op sleeptouw naar het nabij Vlieland gestrande schip STANLEY, na eerst aan de Kruithaven dynamiet ingenomen te hebben. Duiker toestellen waren aan boord van de blazer.


10 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 9 april. Het bergen der lading katoen en jute uit de viermaster STANLEY wordt thans geregeld voortgezet. Het bergingsvaartuig GENERAAL BOOTH bewijst daarbij goede diensten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 april. Uit het gestrande schip STANLEY zijn weer 16 balen en een partijtje losse jute geborgen en alhier aangebracht.


11 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 april. In de eerste 3 maanden van 1896 werden alhier aangevoerd 339.029 ton erts tegen 203.189 ton in de eerste 3 maanden van 1895.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 9 april. Hr.Ms. gaffelschoener ARGUS, uit de Noordzee alhier binnengekomen, heeft bij IJmuiden 2 ankers met kettingen verloren en is van nieuwe voorzien.


12 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Nautische Verein en het Verband Deutscher Seeschiffer Vereine te Hamburg hebben zich tot de Duitse rijkskanselier gewend met het verzoek aan de Nederlandse regering zo spoedig mogelijk over te gaan tot het uit de weg ruimen van de dikwijls vermelde wrakken bij Ameland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 11 april. Het stoomschip BELLARDEN dat te New York na aanvaring met het Belgische stoomschip FRIESLAND aan de grond werd gezet, is vlot gebracht en in het dok gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 april. Het stoomschip KONINGIN REGENTES van de Maatschappij Zeeland, vertrekt woensdag a.s. naar Charlois om te dokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 09 april. Volgens uit New York ontvangen telegram heeft het Belgische stoomschip FRIESLAND door aanvaring met het stoomschip BELLARDEN geen schade geleden.


14 april 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Franeker. Door de heer J. Draaisma, scheepstimmerman alhier, zal naast zijn bestaande werf een nieuwe worden aangelegd, speciaal voor de bouw van ijzeren schepen.
Terecht heeft de heer Draaisma begrepen de waarheid van de oude, maar niet veroudende spreuk: “als het getij verloopt, dienen de bakens verzet.” De vraag naar ijzeren schepen, ook voor de kleine schipperij, is toenemende in gelijke mate als de bestaande houten vaartuigen vervallen. De nieuwe werf komt aan het groot scheepsvaarwater.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 10 april. De niet meer in dienst zijnde mailboot PRINSES ELISABETH van de Maatschappij Zeeland, vertrok hedenmorgen naar Middelburg om te dokken. Op 18 april volgt het schip zijn bestemming, n.l. om gedurende de zomermaanden dienst te doen tussen Hamburg en Helgoland.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Vlissingen, 11 april. Hedenmiddag te drie uur werd van de werf van de Koninklijke Maatschappij ‘De Schelde’ alhier, te water gelaten het stoomschip KONINGIN WILHELMINA, gebouwd voor de Stoomvaart Maatschappij Nederland te Amsterdam, ten behoeve van haar maildienst op Java. Dit is het eerste schip van die maatschappij, waarvan de bouw aan de Nederlandse industrie werd toevertrouwd, het grootste in afmetingen van haar bestaande stoomschepen en het grootste schip, immer in Nederland gebouwd. Het heeft de volgende afmetingen: grootste lengte 396, grootste breedte 45, hol tot opperdek 29 en hoogte tot de bovenkant kaartenkamer 41½ Eng. voet.
Het schip is gebouwd van staal volgens de hoogste klasse van Lloyd’s en onder toezicht van de Nederlandsche Vereeniging van Assuradeuren. Het heeft vier vaste dekken; alle dekken die aan de lucht zijn blootgesteld, zijn van Moulmain teak. Het schip liep op een craddle te water. De laatste beletselen werden weggenomen door mejuffrouw M. Boissevain, dochter van de heer J. Boissevain, directeur der Maatschappij Nederland. (opm: zie ook PGC 150496)
Een talrijk publiek woonde het steeds aantrekkelijke schouwspel bij.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 11 april. Het Belgische stoomschip CLEVES, van Sunderland en Middlesbrough met een lading teer en naphtaline, is in brand geraakt en door de ontploffing der lading zwaar beschadigd (opm: zie ZZN 160496).


15 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 13 april. Zaterdagmiddag (opm: 11 april) werd van de werf der Koninklijke Maatschappij ‘De Schelde’ te Vlissingen te water gelaten het stoomschip KONINGIN WILHELMINA van de Stoomvaart Maatschappij Nederland ten behoeve van haar maildienst op Java. Dit is het eerste schip van die maatschappij, hetwelk op een Nederlandse werf is gebouwd en tevens het grootste schip. Het is gebouwd van staal, heeft 4 vaste dekken, is ingericht voor eersteklasse passagiers op het bovendek met hutten voor 60 personen. De tweede klasse bevindt zich op het opperdek midscheeps met inrichting voor dertig passagiers. Het boventussendek in het voor-, groot- en achterlaadruim is ingericht voor troepenvervoer, met hospitalen, mailkamers en bagageruimten. Het schip zal een draagvermogen hebben van 3700 wichttonnen of 1700 Javalast, en is voorts voorzien van alle mogelijke gemakken en van een groot aantal bijmachines, alles volgens de nieuwste uitvindingen. Het bevel over het vaartuig zal opgedragen worden aan de heer C.A. Bakker, laatst gezagvoerder van de PRINS HENDRIK. (opm: zie ook ZZN 140496)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 13 april. De brand aan boord van het stoomschip CLEVES is geblust. Het voorste gedeelte van het stoomschip is zwaar beschadigd. De machinekamer en het achterruim zijn voor grote verwoesting behoed gebleven. De lading wordt uit het onderruim gelost, en er zal een stoompomp te werk gesteld worden om het stoomschip ledig te pompen.


16 april 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Antwerpen, 11 april. Hedennacht te 11 uur brak in het ruim van het Belgische stoomschip CLEVES, dat hier met 560 vaten koolteer, 750 zakken naphtaline en een hoeveelheid ijzer en zout van Middlesbro was aangekomen en aan de Zuiderkaai (Statiekaai) lag te lossen, brand uit, doordat een grote petroleumlamp, die aan de mast was vastgemaakt, in het ruim viel. De brandweer was spoedig ter plaatse en stromen water werden in het ruim geworpen, doch het hielp niets, de brand woedde hevig voort en tot overmaat van gevaar had te half twaalf een hevige ontploffing plaats, tengevolge der in het ruim verzamelde gassen, die vuur hadden gevat. Het dek, de dekhutten, een gedeelte van de mast werden weggerukt, van vele huizen werden de ruiten stukgeslagen en stukken van het schip werden honderd meters ver weg geslingerd, zodat het een wonder mag heten dat van de talrijke volksmenigte, die zich op de kaai bevond, niemand gekwetst werd. De slag moet recht in de hoogte zijn gegaan, waardoor de stalen romp van het schip, alsmede de machines en het achterruim ongeschonden bleven, maar daar er gevaar bestond dat de hitte van het voorruim de ketel zou doen springen, sleepten vier sleepboten de CLEVES naar de overzijde van de rivier, waar zij op de plaat werd gezet en geheel uitbrandde. De schade is aanzienlijk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 13 april. Het (opm: Belgische) stoomschip CLEVES, dat aan de grond gezet was tijdens de brand aan boord, is vlot en in het dok gekomen. Twee lichters, de DAGERAAD en CLEMENCE, hebben een eis ingesteld om vergoeding van schade, door de brand veroorzaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 april. In het achterruim van het stoomschip BELLEROPHON, waar de brand vermoedelijk door het breken van een bij de lossing gebruikt wordende lantaarn is veroorzaakt, waren geladen 533 kosten thee, 359 kranj. (opm: kran[d]jang, gevlochten mand van bamboe, als verpakking bij het verzenden) suiker, 517 balen koffie, 830 balen rijst, 145 balen kinabast en 129 pakken Java-tabak. Door de brand en het vele water, dat bij de blussing is gebruikt – er werd met acht stralen gewerkt – zijn bovengenoemde goederen natuurlijk voor een groot deel beschadigd. De hoegrootheid der schade zal echter eerst kunnen worden bepaald, nadat het water uit het ruim gepompt en de lading gelost is. Het schip heeft blijkbaar weinig geleden.


17 april 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: 2 nieuwe schouwen, een grote gras- of groenteschouw en een pleizierschouw, met zeil en fok, tegen zeer billijke prijzen, bij G. Bulthuis, timmerman te Hardegarijp.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 15 april. Het gaat met het bergen van katoen en jute uit de STANLEY niet voorspoedig. Gedurende de gehele week zijn slechts enige balen gelost. Een omgevallen mast is door middel van dynamiet verwijderd. Men zal het dek eveneens laten springen. Twee duikers zijn bij het lossen werkzaam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 14 april. De tjalk ALIDA is gelicht en te Statenzijl binnengebracht. Eén der kinderen vond men in de kooi, terwijl de schipper in het tuig lag verward. Voorts is nog één der kinderen te Ditzum op het strand gespoeld, zodat nog 7 opvarenden zijn vermist, die zonder twijfel allen verdronken zijn.


18 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 april. Er zijn 40 balen jute geborgen uit het stoomschip STANLEY en met blazerschuiten, gesleept door de sleepboot KINDERDIJK hier aangebracht.


19 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 17 april. Het Duitse stoomschip CASSIUS, thans te Hongkong, is door de Koninklijke Paketvaart Maatschappij bevracht om te varen tussen Java, Hongkong en Japan in geregelde dienst.


20 april 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop een overdekt tjalkje, groot 31 ton, met volledige inventaris. Tevens een overdekte snik met mast en giek, groot 8 ton. Dagelijks te bezien en te bevragen aan de scheepstimmerwerf bij de Gebr. van Manen te Berlikum (Friesl.).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Sunderland, 14 april. Te Pallion, Sunderland, werd van de werf der Short Bros. te water gelaten voor rekening van de Stoomvaart Maatschappij Noord-Europa te Rotterdam het van Siemens staal nieuw gebouwde stoomschip WILHELMINA, dat een laadvermogen heeft van 4100 ton. De WILHELMINA zal door de heren Blair & Co te Stockton on Tees worden voorzien van een triple expansie machine.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen 17 april. De mailboot KONINGIN WILHELMINA van de Maatschappij Zeeland heeft een defect aan een der wielen en moest gisteravond vervangen worden door de dagboot DUITSCHLAND.


21 april 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 21 april. Al het geborgene uit het gestrande schip STANLEY, wat zich hier bevindt, is door de rechthebbende gereclameerd en wordt naar Nieuwediep vervoerd. Sinds donderdag wordt het bergen op het wrak geregeld voortgezet.


22 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwediep, 18 april. Het nieuwgebouwde stoomschip VAN OUTSHOORN, bestemd voor de paketvaart in Oost-Indië, is heden alhier ter rede met gunstig gevolg onder stoom beproefd. Het liep een vaart van ruim 12 knopen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 21 april. De goederen, afkomstig van de STANLEY, in beheer bij de havenmeester strandvonder, bestaande uit 70 balen katoen en een wit geverfde scheepsboot, zijn heden naar het Nieuwediep per tjalk overgebracht.


23 april 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Vlissingen, 29 april. De dagboot DUITSCHLAND van de Maatschappij Zeeland, die tijdens de reparaties van de nachtboot KONINGIN REGENTES als nachtboot dienst deed, heeft de overtocht van hier naar Queensboro in acht uur gemaakt, terwijl ze de terugreis in zeven uur deed, waardoor deze boot met een snelheid van 20 Engelse mijlen heeft gelopen.


24 april 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Mr. Harat. Albarda en A. Ottema voornoemd zullen op donderdag 7 mei 1896, des namiddags 6 uur, bij De Vries in het Schippershuis op het Vliet te Leeuwarden, provisioneel publiek verkopen: het snelzeilend, fraai en welonderhouden jacht MERCURIUS, met compleet gewoon tuig en groot hardzeilerstuig, en metende 7 ton, zoals het laatst door wijlen de Heer A. Houtsma als eigenaar is gebruikt, benevens het Schiphuis op Kleijenburg aan het Vliet te Leeuwarden. Dit pleiziervaartuig, in 1868 bij Van der Zee te Joure gebouwd, is altijd in beste staat onderhouden en zal ten verkoopdage vóór het Schippershuis ter bezichtiging liggen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 23 april. Het wrak van de Nederlandse bark MONTROSE in het Stortemelk (opm: zie PGC 160396) is opgeruimd.


26 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 24 april. Het Engelse stoomschip STAMFORT, aangekocht door de firma Hudig & Veder te Rotterdam, zal onder de naam ECHO in de vaart worden gebracht.


28 april 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een roefschip, groot 24 ton, twee jaar oud, met inventaris, bevaren geweest door wijlen Sjoerd Zwart, van Minnertsga. Te bevragen bij W.T. Kamp, Leeuwarden.


29 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Holtenau, 25 april. Het Nederlandse barkschip AMICITIA, groot 1130 register ton, gezagvoerder W.B. van der Meer, van Hamburg naar Sundsvall, is het grootste zeilschip, dat tot dusver het Kaiser Wilhelmkanaal (opm: Kieler Kanal) passeerde.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 8 april. Het barkschip HANDELLUST, van Londen naar de Tafelbaai (opm: zie NRC 090296), is hier gerepareerd en de 4e dezer naar Newcastle (N.Z.W.) (opm: Nieuw Zuid Wales, Australië) vertrokken. (opm: mogelijk geen Nederlands schip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 27 april. Door de Admiralty Division werd heden bepaald, dat de vergoeding, te betalen door de Anglo Arabian & Persian Steam Ship Co, eigenaars van het stoomschip TURKISTAN, niet verder strekt, dan tot GBP 8 per register ton, op een tonnenmaat van 3,943.7 ton van dat schip, dat op de 12e september 1895 in het Engels Kanaal in aanvaring is geweest met het stoomschip EDAM van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, dat dientengevolge is gezonken. De schuld hiervan werd aan de TURKISTAN, zowel door de Admiralty Division als door de Court of Appeal toegeschreven. De vergoeding werd derhalve bepaald op GBP 31.479.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 27 april. Door de Board of Trade werd heden uitspraak gedaan betreffende de stranding en het verongelukken van het Engelse barkschip STANLEY, kapitein Edgett, op de reis van Hamburg naar Calcutta op 27 maart ongeveer 3 mijl Noord van de vuurtoren van Texel, waarbij 3 der opvarenden het leven verloren. De Board of Trade was van mening dat het schip niet met de nodige zorg en zeemanschap was bestuurd en schorste het certificaat van de gezagvoeder voor 6 maanden.


30 april 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 27 april. Het hier in de haven liggende Nederlandse barkschip MARTHA, laatst gevoerd door kapt. Kremer is naar Finland verkocht. Het neemt kolen in voor Kroonstadt (opm: Kronjstadt).


01 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Jeddah, 29 april. Het stoomschip CYCLOPS, van Java naar Amsterdam, zit op de Shab el Keber (opm: Shab el Kebir) reven gevaarlijk aan de grond tot aan de fokkemast. Een boot arriveerde hier om assistentie. (opm: zie NRC 020596)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 29 april. Volgens bericht uit Jeddah is het Nederlandse stoomschip CYCLOPS, dat zich op reis van Java en Penang naar Amsterdam bevindt, op de Shab El Kebeer (opm: Shab el Kebir) riffen gestrand. Het stoomschip zit gevaarlijk. Het stoomschip CYCLOPS van de Ocean Line, van Java naar Amsterdam, vertrok 16 dezer van Penang.
Volgens later ontvangen bericht is het schip zelf vlot gekomen.


02 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 29 april. Het alhier met schade binnengelopen Oostenrijkse barkschip TRITON is heden verkocht aan de heer M.E. Kuipers (opm: zie PGC 060596) te Delfzijl voor R.M. 8000 (opm: ca. NLG 4700).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Jeddah, 30 april. (11 uur voormiddag). De CYCLOPS is in Jeddah aangekomen. Het kwam zonder assistentie gehad te hebben vlot.


03 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 mei. Het Nederlandse stoomschip ECHO, van Newcastle hier aangekomen, heeft voor de Oosterdokkade een tjalk aangevaren die daardoor belangrijke schade leed.


04 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 1 mei. Volgens telegram uit Sheerness van heden is aan boord van de mailboot PRINS HENDRIK van de Maatschappij Zeeland de stoomleibuis gebarsten, waardoor drie stokers gedood werden en één zware brandwonden bekwam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 1 mei. De Nederlandse bark JAN MELCHERS, gebouwd in 1869, toebehorende aan de heer S. Melchers te Schiedam, thans te Philadelphia liggende, is verkocht aan een Duitse rederij en heeft de naam HOFFNUNG gekregen.


05 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 mei. Het Nederlandse stoomschip LA HESBAYE is volgens telegram uit Philadelphia aldaar zwaar lek uit zee teruggekomen. De schade is tot heden onbekend. Het schip zal onderzocht worden en zal moeten lossen. Het telegram is onduidelijk, doch het stoomschip schijnt op het Schooner rif gestoten te hebben. (opm: zie NRC 080596 en PGC 220596)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 mei. Het stoomschip CAIRO, van Almeria hier aangekomen (diepgaande 72 dm.) en bestemd om aan de Rijnspoor de uit erts bestaande lading te lossen, geraakte zaterdag op de punt van de Noorderhaven aan de grond. Niet tegenstaande verscheidene malen met ieder hoog water door een sleepboot beproefd werd het af te slepen, kwam het eerst na ongeveer 1000 ton van de lading te hebben gelost, hedenochtend vlot. Tijdens dat het stoomschip aan de grond zat, werd het stoomschip aangevaren door het van Fijenoord komende stoomschip OBDAM van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij, dat gesleept werd naar het droge dok, waardoor belangrijke schade aan het achterschip van de CAIRO werd veroorzaakt. Het stuurtoestel werd mede vernield.


06 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

(Geen plaats of datum) Het te Cuxhaven liggende Oostenrijkse barkschip TRITON is niet verkocht aan de heer Kuiper (opm: zie PGC 020596), maar aan de heer W. Sissingh te Delfzijl. Het schip zal gevoerd worden door kapt. B. Visser, vroeger gezagvoerder van de driemast schoener MONTROSE, welk schip maart j.l. in het zeegat van Terschelling verongelukt is (opm: zie PGC 160396).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 4 mei. Het algemeen bekende jaarboekje Sweijs’ Neêrlandsch vloot en Reederijen, tweede reek, 1ste jaargang, van 1896, alfabetisch opgemaakt door N.J. de Vries, oud-gezagvoerder, is heden weder verschenen. Het is een vervolg op de eerste reeks, lopende van 1858 tot 1893. Het net uitgevoerde boekje, uitgegeven door de Heer M.C.W. van Steeden en gedrukt door M. Wyt & Zn alhier, voorziet in een behoefte voor reders en allen die met de scheepvaart in betrekking staan.


07 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Executoriale verkoop van een aakschip. Op vrijdag 29 mei 1896, des voormiddags ten half elf ure, zal ter terechtzitting van de Arrondissements-Rechtbank te ’s-Gravenhage in haar gerechtsgebouw aan de Korte Vijverberg 3 worden overgegaan tot de executoriale verkoop en de toewijzing aan de meestbiedende of hoogstafmijnende van het aakschip BERDINA, groot 200 scheepstonnen, met al deszelfs staand en lopend want, thans liggende te Delft in het vaarwater van de Westvest nabij de Constructiewerkplaatsen, toebehorende aan de gezamenlijke erfgenamen van Hendrikus Hellings, in leven schipper, gedomicilieerd te Millingen, te wiens laste het in beslag genomen is, ten verzoeke van Petrus van Gelder, scheepsbouwmeester, wonende te Deest, gemeente Druten, ten deze domicilie kiezende te ’s-Gravenhage aan de Laan van Meerdervoort 23, ten kantore van Jhr. Mr. W.Th.C. van Doorn, procureur bij de Arrondissements-Rechtbank aldaar, en te Delft ten kantore van de deurwaarder H.I. Verbeek, Oude Delft 122a, zijnde evengemelde procureur door de executant gesteld om de voorgeschreven verkoop voor hem te vervolgen. De veilconditiën zijn ter inzage ter griffie der voornoemde Rechtbank, terwijl de ondergetekende bereid is tot het geven van mogelijk gewenste informatie. Het vaartuig met toebehoren zal door de executant worden ingezet op de som van een duizend gulden, welke inzet in de plaats treedt van het eerste bod. De opbiedingen en de afmijning moeten geschieden door tussenkomst van procureurs, occuperende (opm: handelende) voor meergemelde Rechtbank of van notarissen hun beroep uitoefenende binnen het arrondisssement ’s-Gravenhage.
De procureur van de executant, W.Th.C. van Doorn.


08 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 mei. Volgens telegram van Lloyd´s vertrok het Nederlandse barkschip ARDJOENO, kapt. Bakker, heden van Penarth naar Semarang, na volbrachte reparatie (opm: zie NRC 280396).


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best, nieuw schip, plm. 20 ton, drie beste, halfsleten roefschepen, met en zonder inventaris, bij O.H. v.d. Werff te Buitenstvallaat bij Drachten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 06 mei. Volgens telegram uit Philadelphia zullen de kosten van opslag der olie in het schip LA HESBAYE zeer hoog zijn, namelijk 1 cent per gallon voor iedere 30 dagen. Een deel der olie zal verloren zijn.


10 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pernambuco (opm: Recife), 7 mei. Het Belgische stoomschip LEIBNITZ, hier van New York aangekomen, heeft bij Atamarca (opm: waarschijnlijk wordt Itamaracá bedoeld, 20 mijl noord van Recife) aan de grond gezeten. Na een gedeelte der lading geworpen te hebben, kwam het stoomschip met verlies van roer vlot.


12 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 mei. Door het breken van een wielplank is de mailboot KONINGIN REGENTES zondagochtend eerst om 8 uur alhier aangekomen.


13 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Door de marine wordt een beloning van NLG 250 beloofd voor het vinden en terugbezorgen van een ongeladen vistorpedo, die ter rede van Texel bij het lanceren door Hr.Ms. pantserschip KORTENAER verloren is gegaan. Het verloren instrument vertegenwoordigt een waarde van ongeveer NLG 5000.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Het Nederlandse stoomschip SOEMBING, van Rotterdam via Southampton naar Batavia, heeft bij het vertrek van Southampton tegen het dokhoofd gestoten en schade bekomen aan de steven. Het is teruggekeerd en wacht op orders.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 11 mei. Er is opnieuw werkvolk aangenomen om de lossing van het 4-mastschip STANLEY te bespoedigen. Het bergen der lading wordt thans door het bestendige weer zeer begunstigd. Het schip is doormidden gebroken, doch dit is niet van invloed op het bergen der lading.


16 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 13 mei. De gedeeltelijk geborgen en alhier aangebrachte inventaris van het in de Eierlandse gronden gestrande Engelse schip STANLEY, heeft hier in veiling NLG 1864,45 opgebracht. Voorts werden verkocht ongeveer 1400 balen jute. De opbrengst hiervan is nog niet bekend, aangezien een deel ervan bij gewicht werd verkocht, en de weging eerst bij de aflevering plaats heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 13 mei. Door de aanvaring met de dokmuur te Southampton is het Nederlandse stoomschip SOEMBING ernstig beschadigd, zodat de reparatie vermoedelijk een oponthoud van 14 dagen zal veroorzaken.


17 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Jersey, 13 mei. De steamhopper dredger MAASMOND X, bezig met het uitbaggeren der havenmond, heeft een klip door de bodem gekregen, en werd dientengevolge op zandige bodem aan de grond gezet.


19 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 18 mei. In de afgelopen week kon slechts 2 dagen op het wrak van de STANLEY worden gewerkt. Ruim 200 balen jute werden geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Jersey, 15 mei. MAASMOND X. De schade (opm: zie NRC 170596) is hersteld. Lloyd's heeft het vaartuig weer in bruikbare staat verklaard.


20 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

(Geen plaats of datum) Van de werf der scheepsbouwmeesters Sir Raylton Dixon & Co te Middlesbro is de 13e dezer te water gelaten het eerste door de American Petroleum Co voor de Scheepvaart & Steenkolen Maatschappij te Rotterdam in aanbouw gegeven stalen lichterschepen (opm: de SCHEEPVAART I, zie ook PGC 010696). Deze vaartuigen worden onder speciaal toezicht naar Lloyd’s klasse 100 A1 gebouwd. Ze zijn 170 voet lang, 32 voet breed en 13.7 voet diep. Ze hebben een laadvermogen van 1000 ton. Deze stalen lichters zullen van Engeland naar Rotterdam en terug worden gesleept door een kolenboot (opm: zie PGC 190696), die zelf ongeveer 1700 ton kan laden. Ze zijn voorzien van ballasttanks, zeilen en zware ankers en kettingen om, wanneer het stoomschip wegens slecht weer de sleeptrossen moet laten slippen, geheel zeewaardig te zijn.


21 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 18 mei. Het driemast schoenerschip EUROPA, kapt. E.T. Bos, van Burnt Island naar Helsingborg met steenkolen, arriveerde hier heden met verlies van tuig, gesleept door een Engelse stoomtrawler. (opm: zie PGC 030796)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 20 mei. Het stoomschip BRUXELLES van Antwerpen te Montevideo is met brand in de bunkerkolen gearriveerd.


22 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Philadelphia, 7 mei. Het Nederlandse stoomschip LA HESBAYE, van hier naar Antwerpen, dat herwaarts terugkwam, na te Wilmington Creek aan de grond te hebben gezeten, moet de lading lossen en dokken om te worden onderzocht. (opm: zie NRC 050596)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 19 mei. Het te Sunderland voor de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier nieuwgebouwde stoomschip ORION is heden van Sunderland naar Amsterdam vertrokken.


23 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. Michaels, 9 mei. De Nederlandse brik MEEDEN, die hier in oktober 1895 was binnengelopen en na afgekeurd te zijn verkocht werd voor 2250 Milreis (opm: zie PGC 240196), vertrok op 7 mei onder Portugese vlag van hier naar Lissabon. Het schip is gerepareerd en vaart onder de naam ROLANDO.


  LC - Leeuwarder Courant

Vijf schepen te koop, met volledige inventaris: twee van 21 ton, een dek- en een roefschip, een van 35 ton, een beste, nieuwe snik en een halfsleten met tuig, bij H. van Koningsveld te Franeker. Niet op zondag.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Blijkens acte, op de 25e april 1896 voor de notaris Mr. A.C.J. de Kuijper te Rotterdam gepasseerd, op het ontwerp waarvan de koninklijke bewilliging is verleend bij besluit van 10 april 1896 no. 42, is opgericht de naamloze vennootschap Stoomboot-Onderneming Telegraaf 6, te Rotterdam, welke acte met de koninklijke bewilliging in haar geheel is geplaatst in de Nederlandsche Staatscourant van 22 mei 1896 no.119.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 22 mei. De sleepboot OOSTZEE, naar Danzig (opm: Gdansk) met de nieuwe baggermachine LADOGA op sleeptouw, keerde uit zee terug wegens een verwonding door de stuurman bekomen bij het klaren der sleepkabel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij acte op de 12e mei 1896 voor de notaris A.C. van Wijngaarden, residerende te Rotterdam, gepasseerd, op het ontwerp waarvan de koninklijke bewilliging is verleend bij besluit van de 21e april 1896 no. 45, zijn enkele wijzigingen gebracht in de statuten der naamloze vennootschap de Nederlandsche Stoomboot Maatschappij, gevestigd te Rotterdam, onder andere bepalende, dat deze maatschappij voortaan de naam zal dragen van Maatschappij voor Scheeps- en Werktuigbouw Fijenoord. De acte is in haar geheel geplaatst in de Nederlandsche Staatscourant van 22 mei 1896 no. 193.


25 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Winschoten, 22 mei. Omtrent het te Oude Pekela thuisbehorende barkschip VICTORIA overkomen ongeluk meldt kapt. G.H. Eefting uit Rio de Janeiro het volgende.
Zes dagen na ons vertrek van Hamburg woedde op de Gronden buiten het Engels Kanaal (opm: het gebied op de 100 vadem lijn) een hevige storm, waardoor alles aan dek lossloeg. Terwijl de storm woedde en 5 man bezig waren enige kisten vitriool der deklading, die door het zware werken van het schip waren losgeraakt, overboord te werpen, werden twee van hen overboord geslagen en verdronken. De beide reddingboten gingen verloren en een gedeelte der verschansing werd weggerukt. In geen jaren, schreef hij, beleefden wij zulk weer als die dag.


27 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 26 mei. De uit de Engelse STANLEY geborgen lading jute (ongeveer 1400 balen) de 13de dezer alhier publiek verkocht, heeft opgebracht NLG 25000. (opm: zie ook NRC 280696)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 22 mei. Het te Gasselternijveen thuisbehorende tjalkschip LIBRA, bevaren door kapt. R.S. Salomons, is verkocht aan kapitein Vellinga te Zoutkamp.


29 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 27 mei. Het Nederlandse barkschip TRITON, kapitein Visser, is na volbrachte reparatie naar zee gesleept. Het is bestemd naar Örnsköldsvik.


30 mei 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 26 mei. Heden arriveerde hier ter rede de sleepboot RENOWN, die de Nederlandse gaffelschoener AGATHA, kapt. J.G. Mulder, op sleeptouw heeft gehad en in de Westerbalg ten anker kwam. De AGATHA heeft een telegraafkabel aan boord. De RENOWN kwam hier om voor zich zelf als voor de onder Borkum liggende Telegraafboot (opm: Engelse kabellegger) SILVERTOWN de voorraad steenkool en provisie aan te vullen.


31 mei 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Het stoomschip CRATHIE, welbekend door de noodlottige aanvaring met het stoomschip ELBE, zal te Rotterdam in publieke veiling verkocht worden ten gevolge van de beslissing van het gerechtshof ten gunste van de eigenaren der ELBE, de Noord Duitsche Lloyd (opm: Norddeutschen Lloyd).


01 juni 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 29 mei. Te Middlesbrough is te watergelaten een stalen zeilschip, als schoener getuigd van 650 brt, genaamd SCHEEPVAART (opm: SCHEEPVAART II). Eigenaar is de heer F.W. Randebrock. Het vaartuig is bestemd voor de Scheepvaart & Steenkolen Maatschappij te Rotterdam. (opm: zie ook PGC 200596 en 190696)


02 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Aan de personen van De Cocksdorp en Oudeschild, die kort na de stranding van het viermastschip STANLEY goederen en inventaris borgen, is per hoofd van NLG 29 tot NLG 35 betaald.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cardiff, 29 mei. Het Nederlandse stoomschip LEYDEN is woensdag (opm: 24 mei) bij het binnenkomen in het Barry Dock met volle vaart tegen de pier gelopen, waardoor deze werd beschadigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 31 mei. In de afgelopen week heeft men in het geheel 150 balen jute en 2 balen katoen uit de STANLEY geborgen.


06 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 5 juni. Bij het opruimen door dynamiet van de voorwerpen die het lossen der STANLEY bemoeilijken, is een der bergingsvaartuigen zodanig door een stuk ijzer getroffen, dat de mast over boord sloeg. Persoonlijke onheilen hadden gelukkig niet plaats.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Het stoomschip SLIEDRECHT is gisteren van Buenos-Ayres te Deptford aangekomen om een lading vee te lossen. Op de reis zijn door sterfte 4 ossen en 5 schapen verloren. Het stoomschip vertrok te 4 ure namiddag naar Antwerpen.


08 juni 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 2 juni. Voor de High Court of Justice, Admiralty division, is de zaak behandeld ter bepaling van het loon voor het afbrengen van het Nederlandse stoomschip MARIA, van Cardiff naar Napels bestemd en in de nacht van 18 op 19 september 1895 ten 2 ure op Lundy Island gestrand. Het werd met de grootste moeite vlot gebracht op 30 september. De vordering voor gedane diensten bedroeg GBP 2852.6sh/5 pence. Het bedrag werd bovenmatig hoog bevonden. De zaak werd verdaagd.
Later bericht: Londen, 5 juni. Aan de bergers van het stoomschip MARIA werd gisteren door het Admiraliteitshof de som van GBP 4500 toegekend.


10 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 09 juni. Het Belgische stoomschip PRINCESSE CLEMENTINE van Genua – Napels – Livorno en Carloforte naar hier, is in de afgelopen nacht op de Spaanse kust in aanvaring geweest met een onbekende bark. Het stoomschip is gezonken en de gezagvoerder De Pauw verdronken. Het overige gedeelte van de bemanning is gered en aan land gebracht. De aanvaring van de PRINCESSE CLEMENTINE met het onbekend gebleven barkschip, vond plaats op 46º N.B. en 07º W.L. De bemanning van het gezonken schip, met uitzondering van de gezagvoerder die verdronken is, werd door het Engelse schip REX opgenomen en hier geland. (opm: zie NRC 110696 en 130696)


11 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 9 juni. Volgens bericht uit Pauillac heeft de 5e dezer, des avonds te 6 ure, op 45º50’ N.B. en 09º30’ W.L. een aanvaring plaats gevonden tussen het schip AXEL WASTFELD en het (opm: Belgische) stoomschip PRINCESSE CLEMENTINE. De bemanning, die de AXEL WASTFELD verliet, bestond uit 11 koppen en is door het Franse schip RHONE, dat te Pauillac ter rede kwam, gered. Het stoomschip PRINCESSE CLEMENTINE, groot 1009 registerton, werd in 1882 te Hoboken op de werf van Cockerill gebouwd en had een bemanning van 16 koppen.


12 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 10 juni. Uit het wrak van de STANLEY werden in de afgelopen week plm. 600 balen jute geborgen. Een blazerschuit met 100 kg dynamiet aan boord was niet voorzien van het vereiste geleidebiljet en moest weer vertrekken.


13 juni 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Direct gevraagd: 2 scheepstimmermansknechten, hun werk verstaande, bij D.H. van der Hoop, mr. scheepstimmerman te Terhorne.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bordeaux, 11 juni. Van hier wordt gemeld, dat de aanvaring tussen het schip AXEL WASTFELD en het Belgische stoomschip PRINCESSE CLEMENTINE (opm: zie NRC 100696) plaats vond de 5e juni, ongeveer 6 uur namiddag. De Franse bark RHONE bevond zich op het ogenblik der aanvaring in de nabijheid, van welk schip men de PRINCESSE CLEMENTINE te 7 uur 15 minuten namiddag plotseling zag zinken, waarop de gezagvoerder order gaf om van top uit te zien naar de bemanning. Men zag toen drie sloepen wegroeien naar een tweemast grijsgeschilderd stoomschip. Daarna zag men van de AXEL WASTFELD het sein NV hijsen, hetgeen betekent: het schip zinkt. Onmiddellijk werd afgehouden en het gelukte de uit 11 man bestaande equipage te redden, die, zoals reeds vermeld, te Bordeaux geland werd. De lading van de AXEL WASTFELD was te Bordeaux voor FFrs. 325.000 verzekerd.


16 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 13 juni. Bij een deze week gehouden onderzoek der gezonken Duitse stoomboot THASOS is gebleken dat het wrak op zijde grotendeels onder water ligt in 6 vadem water ten westen van de vuurtoren van Terschelling, terwijl de bezaansmast er nog in zit, boven welke men bij hoog water slechts 2 vaam water heeft. Hoe lastig dat wrak of die mast voor de vissers is, blijkt uit de omstandigheid dat er overblijfsels van 7 vernielde kor-netten (opm: netten voor de kor-visserij) bij worden gezien.


17 juni 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 14 juni. Het Nederlandse stoomschip TALISMAN, van Amsterdam naar Leith, is nabij Crail gestrand. Assistentie wordt verleend, doch men is er nog niet in geslaagd het schip vlot te brengen.


19 juni 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Twee scheepstimmerknechten kunnen direct werk bekomen bij IJntje J. Alkema te Makkum.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 16 juni. Volgens telegram van Lloyd’s is de Nederlandse bark SENIOR, kapt. Visser, van Buenos Ayres naar Valparaiso, in ontredderde staat, met verlies van grote mast en rondhouten te Montevideo teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 19 mei. Volgens een bericht uit de Semarang Courant heeft de Koninklijke Paketvaart Maatschappij het stoomschip SINDORO aan de Japanse regering verkocht voor NLG 19000.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwe diep, 17 juni. Heden had hier de verkoop plaats van 1500 balen door zeewater beschadigde jute uit het schip STANLEY.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 16 juni. Van de werf der heren Sir Raylton Dixon & Co te Middlesbro werd op 12 juni te water gelaten een stalen schroefcollier (opm: ZUID-HOLLAND), gebouwd voor rekening der Scheepvaart & Steenkolen Maatschappij te Rotterdam. Het stoomschip is 229 vt lang, 34 vt breed en 17½ vt diep en heeft een draagvermogen van 1700 ton, terwijl het wordt voorzien van een sterke sleepinrichting om de onlangs gebouwde 1000 tons kolenlichters (opm: zie PGC 200596 en 010696) van Engeland naar de bestemming te kunnen slepen.


21 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 20 juni. De mailboot KONINGIN WILHELMINA van Queensborough is hier hedenochtend aangekomen met gebroken wiel en heeft daardoor een half uur ten anker gelegen op de hoogte van Blankenburg Z.Z.O.


22 juni 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie: Op donderdagen 25 juni 1896 zal provisioneel en 2 juli d.a.v. finaal, telkens ’s avonds zeven uur, in het Schippershuis aan het Zuidvliet te Leeuwarden, publiek, tegen dadelijke betaling worden verkocht: een in 1894 aan de werf van W.T. Kamp bij Leeuwarden nieuw gebouwd overdekt tjalkschip, genaamd DE GOEDE VERWACHTING, groot 24 scheepstonnen, met besten scheepsinventaris, dadelijk te aanvaarden. Op de verkoopdagen te zien vóór het Schippershuis voormeld.
S. Vinken, ondernemer van Verkopingen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen,19 juni. Volgens telegram uit Stanley (Falkland Eilanden) is het schip NEDERLAND, kapt. Bona, 1 februari van Porto Empedocle naar San Francisco vertrokken, aldaar binnengelopen met overgeworpen lading, beschadigd tuig en verlies van enige zeilen, terwijl een gedeelte der lading overboord was geworpen. (opm: zie PGC 180796)


23 juni 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 20 juni. Het Nederlandse barkschip OOSTERBURG, kapt. Bron, 4 maart van Iquique vertrokken, waarop reeds herverzekering was afgesloten tot 25%, is heden behouden te Falmouth aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Volgens telegram uit Montevideo, bij de reder van de SENIOR, de heer Vroege te Alblasserdam ontvangen, wordt het bedrag der schade aan dit schip op GBP 2000 geraamd.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Zierikzee, 22 juni. Zaterdag 20 dezer is van de werf van de firma J. & K. Smit te Kinderdijk met goed gevolg te water gelaten het voor de dienst Zierikzee – Rotterdam bestemde schroefstoomschip SCHELDE II. De boot is lang over stevens 48 meter, wijd binnen de huid 6,75 meter en hol 3,10 meter. De ketel en triple expansie machine van 350 I.P.K. met oppervlak condensatie, zijn vervaardigd aan de fabriek van de firma Lels, Diepeveen & Smit te Kinderdijk. Gegarandeerde vaarsnelheid 13 Eng. zeemijlen per uur. De boot zal ongeveer half juli in dienst worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij gerechtelijke uitwinning. Op woensdag de 15e juli 1896 des voormiddags te 11 uren, zal ter terechtzitting van de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam, Kamer van Vacatie, gehouden wordende in het gerechtsgebouw aan het Haagscheveer aldaar, ten verzoeke van de naamloze vennootschap Nord Deutsche Lloyd (opm: Norddeutschen Lloyd), gevestigd te Bremen, domicilie gekozen hebbende te Rotterdam aan het Willemsplein no. 4 ten kantore van de procureur Mr. Eduard Ellis van Raalte, die als zodanig is gestemd om de executoriale verkoop van na te melden schip in de voormelde terechtzitting te vervolgen.
Ten laste van:
1. William Todd Moffatt, wonende te Aberdeen
2. Mej. Suzanna Poole Baxter, wonende te Aberdeen
3. Mej. Jane Buyers, wonende te Aberdeen
4. David Arnot, wonende te Carnoustie
5. James Manson, wonende te Aberdeen
6. Michael Hutchinson, wonende te Little Bavington (Northumberland)
7. Robert Lindsay Greig, wonende te Leuchars
8. Joseph Kirsop, wonende te West Hartlepool
9. William Taylor, wonende te Glasgow
10. George Allan wonende te Aberdeen
11. George Collie, wonende te Aberdeen
12. James Aitken, wonende te Hull
13. George Birnie, wonende te Aberdeen
14. Alexander Spence Mackay, wonende te Aberdeen
15. William Mitchell, wonende te Elmbank nabij Aberdeen
16. William Mitchell, wonende te Aberdeen
17. Peter Sharp, wonende te Aberdeen
18. John Duncan Thomson, wonende te Newcastle upon Tyne
19. James Davidson, wonende te Aberdeen
20. Alexander Davidson, wonende te Aberdeen
21. John Crombie, wonende te Aberdeen
22. Mej. Margaret Henderson Wylam, wonende te Jarrow on Tyne
23. Alexander Cook, wonende te Ballatar
24. Mej. Ellen Canham, wonende te Scotston nabij Aberdeen
25. George Fyfe, wonende te Aberdeen
26. Francis Henderson, wonende te Aberdeen
27. Peter Henderson, wonende te Aberdeen
28. Alexander Miller Campbell, wonende te Aberdeen
29. Charles Cook, wonende te Aberdeen
30. George Wood, wonende te North Shields
31. James Enslie Irvine, wonende te Aberdeen
32. Mej. Margaret Scholes Irvine, wonende te Aberdeen
33. Peter Garden, wonende te Aberdeen
34. John Scott, wonende te Aberdeen
35. Alexander Murray, wonende te Aberdeen
36. William Moffatt, wonende te Aberdeen
37. John Henderson, wonende te Aberdeen
38. George Findlay, wonende te Murthy (county of Perth)
39. George Findlay Shirras, wonende te Aberdeen
40. John Bornie Adam, wonende te Newcastle on Tyne
41. Thomas Adam, wonende te Aberdeen
Aan de meestbiedende of hoogstafmijnende worden verkocht het Britse stoomschip CRATHIE, metende 272,30 register tonnen (480,67 tonnen gross), met al deszelfs staand en lopend want, inventaris en toebehoren, zo en in dier voege als voormeld stoomschip is in beslag genomen en thans is liggende in de Kous te Delfshaven, gemeente Rotterdam, in eigendom toebehorende aan de voormelde personen, te wier laste het beslag is gelegd en als kapitein gevoerd geweest door Alexander Gordon, wonende te Aberdeen, en zulks uit kracht van de grossen van twee vonnissen door de Arrondissements Rechtbank te Rotterdam respectievelijk op 6 november 1895 en 15 april 1896 gewezen en om betaling te verkrijgen:
1. ener som van NLG 565.500,
2. der rente van die som ad 6 procent ´s jaars van 2 maart 1895 af tot op de voldoening,
3. ener som van NLG 3138, 67½ plus NLG 688,40, benevens het bewaarloon der CRATHIE van 6 november 1895 af tot aan de opheffing van het beslag, resp. executie,
4. ener som van NLG 118,77½, onverminderd de latere kosten.
Tot betaling van welk een en ander aan de executante, de voornoemde eigenaren der CRATHIE bij voormelde vonnissen zijn veroordeeld.
Het voormeld schip is in executoriaal beslag genomen bij proces/verbaal door de deurwaarder F.M. Lorwa te Rotterdam d.d. 30 mei 1896, hetwelk is overgeschreven ten kantore der hypotheken te Rotterdam op 2 juni 1896 in deel 17 no. 3140.
Gemeld schip met al zijn toebehoren wordt door de executanten ingezet op een som van tien duizend gulden. Het proces-verbaal van inslagneming bevat een nadere beschrijving van de boten, ankers, gereedschappen en verdere toebehoren en ligt ter inzage ten kantore van voormelde deurwaarder Lorwa, Westnieuwland 21, bij wie tevens toegangsbewijzen tot de CRATHIE verkrijgbaar zijn, terwijl voor zo veel nodig nadere inlichtingen worden verschaft ten kantore van de ondergetekende, de procureur van de executante Mr. E.E. van Raalte
(opm: nasleep van de aanvaring van de ELBE met dit schip)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum). Uit het in de heden gehouden algemene vergadering uitgebrachte verslag over 1895 der Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij te Amsterdam blijkt, dat de werf voltooid was in april 1895, hetgeen niet verhinderd heeft, dat op de nog in aanleg zijnde werf van september 1894 tot maart 1895 de bouw ondernomen en voltooid werd van het stalen tweelingschroefstoomschip AMSTERDAM V. Daar het werk onder ongunstige omstandigheden werd ondernomen, leverde het geen financieel gunstig resultaat op. Het werd geheel ten genoegen der bestellers afgeleverd. Onder meer werd de 16e maart aan de maatschappij de bouw opgedragen van een stalen schroefstoomschip voor de Koninklijke Paketvaart Maatschappij, zijnde het grootste der hier te lande gebouwde schepen voor die maatschappij. De werf heeft daarbij zijn uitstekende inrichting reeds bewezen. In december werd aan de maatschappij de bouw opgedragen van een schroefstoomschip PARAMARIBO voor de dienst in Suriname, wijders van twee sleepboten, eveneens door het departement van koloniën. Aangezien er in de loop des jaars geen belangrijke aflevering plaats kon hebben, kon geen daarop gemaakte winst worden geboekt. De winst- en verliesrekening sluit met een nadelig saldo van NLG 31.711,63, hetgeen voornamelijk veroorzaakt wordt door afschrijvingen op gebouwen, werf, werktuigen, enz, ten bedrage van NLG 22.293,04. De heer J.C. Jansen, als commissaris aftredend, werd herkozen.


24 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 22 juni. De W. CORES DE VRIES en de HOI HOW zijn met elkaar in aanvaring geweest, waardoor eerstgenoemd schip zwaar beschadigd werd. (opm. dit is het vroegere Nederlandse stoomschip W. CORES DE VRIES, gebouwd in 1865)


25 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Figueira, 18 juni. Het hol van het Nederlandse barkschip (opm: brik, gestrand Figueira da Foz 24 september 1895) PALME, dat afgekeurd is, en in publieke veiling werd verkocht, zal door de kopers worden gesloopt.


27 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tessel, 25 juni. Door het plotseling onstuimig worden der zee, werd gisteren bij het wrak der STANLEY een der bergingsvaartuigen lek geslagen. Gedurende enige ogenblikken verkeerde de bemanning in nood. Men was echter zo gelukkig de Ruggesloot te bereiken, waar het vaartuig aan de grond werd gezet, om zinken te voorkomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bij acte, op de 24e juni voor de ondergetekende notaris, Mr. C.M.H. Schadée te Rotterdam verleden, is tussen de heren Johannes Jan Ruijsch, cargadoor en expediteur, wonende te ’s-Gravenhage, en Cornelis Willem Hendrik van Dam, procuratiehouder, wonende te Rotterdam, een vennootschap van koophandel aangegaan, ten doel hebbende de voortzetting der cargadoors- en expediteurszaken, met alles wat daartoe in de ruimste zin geacht kan worden te behoren, door de heer Ruijsch voornoemd onder de firma Ch. Cornelder & Zonen te Rotterdam gedreven. De vennootschap is gevestigd te Rotterdam, onder de firma Ch. Cornelder & Zonen, tot de tekening waarvan de beide vennoten gerechtigd zijn, doch alleen voor hetgeen de uitoefening der zaken van de vennootschap rechtstreeks betreft, zonder die te mogen bezigen tot het aangaan van leningen, beleningen of borgtochten. De vennootschap is aangegaan voor de tijd van 3 jaren en 6 maanden, aanvangende de 1e juli 1896, en eindigende de 31e december 1899, met dien verstande, dat degene der vennoten, die de vennootschap alsdan wenst te doen eindigen, ten minste drie maanden voor het verstrijken van die termijn daarvan aan de andere vennoot schriftelijk kennis zal moeten geven, bij gebreke waarvan de vennootschap van jaar tot jaar zal worden voortgezet, totdat een zodanige schriftelijke kennisgeving ten minste drie maanden voor het verstrijken van een jaar zal hebben plaats gehad.
Rotterdam, 24 juni 1896 Mr. C.M.H. Schadée, notaris


28 juni 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 25 juni. STANLEY. De opbrengst van de op 17 dezer alhier verkochte 1825 balen jute geborgen uit dit wrak, hebben NLG 29607,02 opgebracht.


30 juni 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best onderhouden roefschip, groot 12 ton, zeer geschikt voor aardappelvaren, alsmede een beste roefbok, geschikt voor alle vervoer, met inventaris. Te bevragen bij H. Westerhuis te Poppingawier.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 29 juni. De mailboot ENGELAND is niet op tijd binnengekomen. Ze ligt volgens rapport van de vuurtoren met defecte machine bij Heyst geankerd. Twee sleepboten vertrekken ter assistentie.


01 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 30 juni. Hedenochtend half twee is de dagmailboot ENGELAND hier binnengesleept. De zuigerstang is gebroken en men kon niet verder komen dan Heyst. Mail en passagiers vertrekken 3 uur 45 minuten met een facultatieve trein.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 29 juni. Het stoomschip IJMUIDEN is hier heden aangekomen van Amsterdam, om de wrakken benoorden Ameland uit de weg te ruimen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Notaris Spruyt te Sappemeer zal op maandag 13 juli 1896, des avonds 6½ uur, in het hotel De Unie te Hoogezand publiek verkopen het in 1893 te Hoogezand naar de eis geconstrueerde en in uitnemende staat onderhouden snelzeilend stalen Nederlands driemast schoenerschip genaamd JAN DERK, laatst gevoerd door nu wijlen kapitein P A. Mulder, groot netto 272.6/100 tonnen, van 2,83/100 kub. meter, geclassificeerd bij de Eng. Lloyd *100 A1, liggende te Liverpool, aan het North Carriers Dock, met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, een dubbel stel zeilen, chronometer en al hetgeen zich op de verkoopdag verder aan boord bevindt en tot einde oktober a.s. voor NLG 30.000 tegen alle gevaren verzekerd.
Betaling der kooppenningen acht dagen na de toeslag, mits bekende solide borgen stellende.
Inlichtingen te bekomen bij de heren Rettmeijer en Hessenmüller, makelaars te Hamburg, Van Santen, Meijer en Darmer te Liverpool, het Nederlands consulaat, 11 City Buildings, 23 Old Hall Street, en bij de boekhouder, de heer Mr. D.M. Hoen te Hoogezand, bij wie, evenals bij de voornoemde notaris, inventarislijsten op franco aanvrage te verkrijgen zijn.
(opm: zie NRC 210796)


02 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Para, 30 juni. Het stoomschip SANTARENSE van de rederij Crossline, van Penarth naar Manaos, en het Engelse schip DUNDONALD, van San Francisco naar Hull, zijn met elkaar in aanvaring geweest, waardoor eerste genoemde zonk. De DUNDONALD leed schade en werd lek, de bemanning was door de DUNDONALD gered, en de passagiers door het Noorse barkschip HIA WATHA opgenomen en hier geland. (opm: de SANTARENSE is de vroegere DIDAM van de Holland-Amerika Lijn, gebouwd in 1891 te Rotterdam, groot 2898 registerton; zie ook NRC 040796))


03 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 juli. Volgens schrijven van kapitein D.J. Brouwer is het Nederlandse schip (opm: 3-mast schoener) ZWIJGER de 28e mei van Rio Grande naar Baltimore vertrokken met 401 balen afval van huiden en 20 balen beestenhaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een beste, nieuwe snik, groot 12 ton, bij W. Stienstra, scheepstimmerman, Zevenhuizen bij Franeker.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Pillau (opm: Baltiysk), 26 juni. Na vier dagen rondgezworven te hebben is de zeeloods Mitschulzki teruggekomen aan boord van de tjalk ADELBERT. De tjalk had, nadat de loods aan boord gekomen was, schade geleden aan de bakboordzijde en dreef voor de wind af, tot bij Schwarzort (opm: Juodkranté, Litouwen). Het schip, dat 27600 tegels had geladen en zeer diep lag, hield zich goed en maakte bijna geen water. Het vaartuig kwam vrijdag (opm: 26 juni), toen de wind noordelijk gelopen was, des avonds te 9.30 uur alhier in de haven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kampen, 30 juni. Het nieuwe ijzeren tjalkschip NIEUWE ZORG, groot 90 ton, is met enige inventaris voor NLG 2200 verkocht aan H. Boswijk en E. Smit Jzn te Hoogezand.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 1 juli. In de Staatscourant van gisteren wordt door de minister van buitenlandse zaken de aandacht van belanghebbenden gevestigd op de noodzakelijkheid, dat schepen, die uit de Middellandse Zee de Dardanellen doorvaren, terstond bij het binnenkomen der Dardanellen de vlag hijsen bij het passeren der Turkse forten Koum Kale’ en Sedd-Ul-Bahr.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Halfweg, 28 juni. De sleepboot GEOPOTES heeft op het Noordzeekanaal het schip de VROUW ALBERTJE, geladen met ruim 50.000 stenen, aangevaren; het schip bekwam lekkage en zware averij, zodat het met spoed naar zijn bestemming moest worden gesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 juni. Het Nederlandse schip (opm: 3-mast schoener) EUROPA, kapitein E.T. Bos, dat hier op de reis van Burnt-Eiland naar Helsingborg met schade is binnengelopen (opm: zie PGC 210596), is afgekeurd.


04 juli 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Middelburg, 3 juli. In het droge dok alhier bevindt zich thans ter reparatie het stoomschip PRINS HENDRIK (een der oude mailboten) van de Maatschappij Zeeland te Vlissingen. Binnenkort zal dat schip naar Hamburg vertrekken, waarheen in het begin van dit jaar ook het stoomschip PRINSES ELIZABETH vertrok. Beide stoomschepen zullen varen in geregelde dienst Hamburg – Helgoland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 1 juli. De SANTARENSE, ex DIDAM, was voor GBP 35000 verzekerd, waarvan GBP 15.000 te Liverpool en GBP 20.000 te Londen, en was in 1891 gebouwd te Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 1 juli. De aanvaring van de SANTARENSE met de DUNDONALD (opm: zie NRC 020796) vond de 8ste juni te 1 uur middernacht plaats op 15º Noord en 33º West. Het stoomschip zonk 12 uur daarna. Het barkschip DUNDONALD heeft de equipage aan boord gehouden, behalve de 3de stuurman, de kok, de hofmeester en de kajuitsjongen, die evenals de passagiers overgezet werden op het Noorse barkschip HIAWATHA, bestemd naar Para, waar allen ter plaatse in welstand zijn aangekomen. De vier eerst genoemden zijn gisteren van daar per stoomschip ANSELM naar Engeland vertrokken.


05 juli 1896


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 4 juli. Hedennamiddag werd van de werf van de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij met goed gevolg te water gelaten het voor rekening van het Departement van Koloniën nieuwgebouwde stalen schroefstoomschip PARAMARIBO, bestemd voor het vervoer van passagiers, mail en goederen in de Nederlandse kolonie Suriname.
De lengte van de boot bedraagt 53,30, de grootste breedte 8,53 en de diepgang 3,65 meter. De verblijven voor de equipage en voor 24 2e klasse passagiers bevinden zich op het voorschip, terwijl de hutten van officieren en machinisten in het middenschip zijn aangebracht. Achteraan zijn de hutten voor 24 1e klasse passagiers en de salon. Voor de bouw van de romp is uitsluitend staal gebruikt. De triple compound machine heeft een vermogen van 650 I.P.K, de schroef maakt 125 omwentelingen in de minuut. Zij is vervaardigd in de Nederlandsche Fabriek voor Werktuigen en Spoorwegmateriaal. De boot moet in de laatste helft van augustus geheel gereed zijn.


07 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hellevoetsluis, 4 juli. Het barkschip ASTRONOM, kapitein Schoon, van Sapolo Sound (opm: waarschijnlijk Sapelo Sound, Georgia) met hout naar Dordrecht, zit in het Aardappelengat aan de grond. De sleepboot WODAN verleent assistentie.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 3 juli. Het Nederlandse schip HUGO MOLENAAR, kapitein Schenk, van Shields naar Soerabaja, is met verhitte lading (opm: broei in de kolen) te Kaapstad binnengelopen.


08 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juli. Naar men uit IJmuiden aan de Zeepost meldt, vorderen de werkzaamheden aan de toegangskanalen thans zeer goed. Behalve het materieel van de aannemers zelf, zijn er werkzaam drie baggermolens, benevens een viertal stoomzandzuigers; dit extra materieel verwerkt nu dagelijks ongeveer 5000 m³.
In het laatst dezer week komt er nog een molen bij en met augustus zal er nog meer materieel komen, zodat men er vast op rekent dat nog dit jaar een schip met 80 voet diepgang de sluis zal kunnen passeren.


09 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 6 juli. Het schip HUGO MOLENAAR, kapitein Schenk, van Shields naar Surabaja, met verhitte lading te Kaapstad binnengelopen (opm: zie PGC 070796) is door experts nagezien. Deze hebben aanbevolen de lading steenkool onmiddellijk te lossen en te verkopen. De romp van het schip heeft niet geleden.


11 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Emden, 6 juli. Het schip (opm: tjalk) ZORG EN VLIJT, kapitein H. Groen, thuis behorende te Groningen, van Papenburg met hout naar Ellenserdamersiel, is op Baltrum gestrand. De uit zes personen bestaande bemanning werd door de reddingboot GEORGE BEUNING (opm: GEORG BREUSSING) gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 juli. Het Nederlandse barkschip SLAMAT, groot 916 ton, gebouwd in 1876, is uit de hand verkocht aan den heer Marsson te Mariehamn voor GBP 1250.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 9 juli. Het Nederlandse schip MELATI, kapitein Catlander, van Semarang naar Azoren v.o. (opm: voor orders), is met schoon dek (opm: alles weggeslagen) en andere schade te Kaapstad binnengelopen.


13 juli 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een overdekt tjalkje, groot 31 ton, en een overdekte snik, groot 11 ton, beide met volledige inventaris. Te bevragen aan de scheepstimmerwerf, bij de Gebr. van Manen te Berlikum (Friesl.).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Soerabaya, 8 juli. Het schip ANNA ALEIDA, kapitein v.d. Meer, van Rotterdam alhier aangekomen, heeft in de Javazee, te Point Tjina, aan de grond gezeten. Het heeft ogenschijnlijk geen schade.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 10 juli. Volgens telegram van Lloyd’s is het te Kaapstad binnengelopen Nederlandse schip MELATI lek en de lading beschadigd. De omvang der schade kan nog niet worden opgegeven.


14 juli 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Vlissingen, 11 juli. Heden vertrok van de werf van de Kon. Mij. ‘De Schelde’ het aldaar gebouwde stoomschip KONINGIN WILHELMINA van de Stoomvaart Mij. Nederland te Amsterdam, bestemd voor haar maildienst op Java. Dit schip, waarvan reeds vroeger bij het te water laten een beschrijving werd gegeven, vertrok naar Nieuwediep, na beladen te zijn met ballast tot op 20 voet gemiddelde diepgang. Het zal maandag a.s. in tegenwoordigheid van de verschillende directies en commissarissen, alsmede een groot aantal genodigden met hun dames, op de rede van Texel op de gemeten mijlproef varen en na afloop daarvan een pleziertocht maken naar zijn bestemmingsplaats Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 13 juli. In de afgelopen week zijn ongeveer 300 balen jute uit de STANLEY geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 11 juli. Volgens telegram van Lloyd’s agent aan de Kaapstad in dato 10 dezer, waren de kolen aan boord van het Nederlands fregatschip HUGO MOLENAAR, van Shields naar Java bestemd en aldaar met sterk verhitte lading binnengekomen, aan het smeulen en was men genoodzaakt snel te handelen, dewijl er groot gevaar voor schip en lading bestond. Er werden 300 ton van de lading verkocht voor 12 shilling 8 pence per ton, van langszijde af te halen. Het lossen, landen en weder aan boord nemen zou kosten – hier werd het telegram door een verminkt codewoord onduidelijk. De overige kolenlading zal gelost moeten worden en het hoogste bod daarvoor is 11 shilling 2 pence per ton. Een onmiddellijk antwoord per telegraaf wordt ingewacht. Indien de kolen niet langszijde geleverd worden, is de prijs 3 shilling per ton minder.


15 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 14 juli. De duiker Nieman is met drie bergingsvaartuigen van De Cocksdorp vertrokken naar Ameland. Blijkens een ingesteld onderzoek ligt daar het wrak van een met hout beladen bark onderste boven. Men wil beproeven de lading te bergen.


16 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 13 juli. Volgens bij de Stoomvaart Maatschappij Nederland ontvangen telegram uit Nieuwe Diep, heeft haar nieuw gebouwd stoomschip KONINGIN WILHELMINA bij de heden gehouden proeftocht uitstekend voldaan.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 14 juli. Het schip (opm: bark) STAD STEENWIJK, kapitein P. Bos, van Kroonstad (opm: Kronsjtadt) naar Groningen, is in de Middengronden (opm: Middelgronden, bank in de Sont oostelijk van Kopenhagen) aan de grond geraakt, maar verlangt geen assistentie. (opm: zie PGC 170796)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 14 juli. Volgens particulier bericht uit Kaapstad, zal de lading van het schip MELATI, kapitein W. Catlander, op order van experts worden gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 14 juli. HUGO MOLENAAR. Volgens telegram uit Kaapstad van 13 dezer zullen de overige kolen in publieke veiling worden verkocht.


17 juli 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Een mooie ijzeren roeischouw en dito houten roeibootje, beiden met toebehoren, alles nieuw, te koop bij B.O. Lantinga te Warga, die zich aanbeveelt voor het maken van nieuwe ijzeren schouwen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 15 juli. Het Nederlandse schip STAD STEENWIJK, kapitein Bos, van Kroonstad (opm: Kronsjtadt) naar Groningen, is met assistentie van een Svitzer bergingsstomer af- en te Koppenhage (opm: Kopenhagen) binnengebracht. Het heeft ogenschijnlijk geen schade bekomen. Het zal de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Bekendmaking overeenkomstig art. 28 Wetboek van Koophandel.
Bij akte de 16e juli 1896 verleden voor de notaris Frederik Hendrik Baron d'Aulnis de Bourouill te Ridderkerk, is tussen de heren Maarten Pieter Boele, scheepsbouwmeester, Pieter Cornelis Boele, scheepsbouwmeester, beide wonende te Slikkerveer, en Arie Nijs den Ouden, scheepsbouwmeester, wonende te Bolnes, aangegaan een vennootschap, ten doel hebbende het exploiteren ener sleephelling en scheepstimmerwerf, het bouwen en herstellen van schepen en vaartuigen en andere aanverwante voorwerpen, in de ruimste zin des woords, en zulks onder de firma Boele & Pot.
De vennootschap is gevestigd te Bolnes, gemeente Ridderkerk; zij is aangegaan voor vijf jaren, bereids ingegaan de 1e juli 1896 en eindigende de 30e juni 1901, met stilzwijgende verlenging na dien tijd, telkens voor een jaar, indien niet een der Vennoten zes maanden vóór het verstrijken van de tijd, waarvoor zij is aangegaan of verlengd, de vennootschap schriftelijk aan de anderen heeft opgezegd.
Ieder der vennoten heeft het recht ten name der vennootschap te handelen en de firma te tekenen, doch alléén voor zaken, welke tot de werkkring der vennootschap behoren. Evenwel zal het opnemen van gelden, het belenen of bezwaren van roerende of onroerende goederen, het verkopen of kopen van onroerende goederen, het aangaan van borgtochten, het ter leen geven van gelden, het in huur nemen van lokalen en het aanstellen van procuratiehouders niet kunnen geschieden dan met toestemming van al de vennoten en zullen alle daartoe betrekkelijke stukken om voor de vennootschap verbindend te zijn door allen moeten worden getekend, met hun gewone handtekening.
d'Aulnis – Notaris.


18 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Stanley, F.I. (opm: Falkland Islands), 9 juni. Het Nederlandse schip NEDERLAND, kapitein G. Bona, dat hier de 17e mei op reis van Girgenti naar San Francisco is binnengelopen (opm: zie NRC 200696), heeft ongeveer 100 ton der lading geworpen, enige zeilen gingen verloren, terwijl de lading uit het tussendek overgegaan was. De benodigde reparaties werden uitgevoerd en de gezagvoerder hoopte in ongeveer 12 dagen gereed te zijn om de reis te kunnen voortzetten. (opm: zie NRC 010896)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram uit Almeria is het Nederlandse stoomschip WILHELMINA van Carthagena naar Mazzaranona (opm: waarschijnlijk Mazarron, Spanje) bij Punta Entena gestrand, en zal het ogenschijnlijk veel moeite kosten het schip vlot te krijgen. Een sleepboot is ter assistentie vertrokken. (opm: zie NRC 190796)


19 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Marine. Openbare verkoping aan ’s Rijks Werf te Hellevoetsluis op donderdag de 6e augustus 1896, des voormiddags te 11½ uur, bij enkele inschrijving, van het oude wachtschip PRINS VAN ORANJE.
Het wachtschip, liggende op ’s Rijks Werf te Hellevoetsluis, kan bezichtigd worden zes werkdagen, de verkoopdag voorafgaande, des voormiddags van 10 – 12 en des namiddags van 2 – 4 uren. Gegadigden moeten zich daartoe aanmelden ten burele van de Hoofdingenieur der Marine te Hellevoetsluis. De inschrijvingsbiljetten op gezegeld papier moeten vóór de aanvang der verkoping worden ingeleverd ter griffie van de Directie der Marine te Hellevoetsluis. De voorwaarden, waarnaar de verkoping zal geschieden, liggen ter lezing aan het Departement van Marine te ´s Gravenhage, bij de Directiën der Marine te Amsterdam, Willemsoord en Hellevoetsluis, ter griffie van de Provinciale Besturen, uitgezonderd dat van de provincie Zuid-Holland, en ter secretarie van de gemeentebesturen te Rotterdam en te Dordrecht, en zijn op franco aanvrage zolang de voorraad strekt te verkrijgen ter griffie van de Directie der Marine te Hellevoetsluis tegen NLG 0,20 per exemplaar.
Hellevoetsluis, de 15e juli 1896
De Schout-bij-Nacht directeur en commandant der Marine T.E. de Brauw


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 juli. Volgens telegram van Lloyd's is het stoomschip WILHELMINA af- en naar Almeria gesleept. Een gedeelte der lading is geworpen. Het stoomschip heeft ogenschijnlijk geen schade. Volgens rapport is een akkoord gemaakt voor GBP 1750.
Tweede dépêche: Het stoomschip WILHELMINA arriveerde te Almeria na 500 ton kolen en lading geworpen te hebben. (opm: zie NRC 210796)


21 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 15 juli. Het hulploon voor het afbrengen van het Nederlandse schip STAD STEENWIJK werd vastgesteld op GBP 50.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 17 juli. Het stoomschip PRINS HENDRIK der Maatschappij Zeeland, dat aan de werf der firma John Elder & Co, te Govan bij Glasgow, van nieuwe wielplanken is voorzien, zal binnenkort weer in dienst worden gesteld. Men hoopt door het aanbrengen van deze verbeteringen deze boot nog sneller te doen varen. Het stoomschip is heden van Glasgow alhier aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Het Nederlandse ijzeren driemast schoenerschip JAN DERK, groot 272 ton, gebouwd te Hoogezand in 1893, van Maracaibo te Liverpool aangekomen is te Sappemeer verkocht aan de heer Joh. Post van Leggelo te Foxham voor NLG 14565. (opm: zie NRC 010796)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 18 juli. Het nieuwe Nederlandse stoomschip WILHELMINA, dat bij Kaap Sabinal op strand geraakte, werd geassisteerd en te Almeria binnengebracht door San Jacinto (opm: waarschijnlijk een sleepboot). Er werd een accoord gemaakt voor GBP 1750, die betaald moeten worden voor het schip de reis kan voortzetten; ongeveer 500 ton kolen en lading werd overboord geworpen.


23 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 18 juli. De kans om een gedeelte van de door het stoomschip WILHELMINA geworpen lading lood op te vissen, staan gunstig. Het is mooi weer, doch er moet geen tijd verloren gaan, daar het lood zich spoedig in het zand werkt.


24 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 21 juli. Hedenmorgen is door de botter OUDDORP No. 9, schipper Sperling, te Hoek van Holland aangebracht de bemanning van de Belgische visschuit OSTENDE No. 87. Dit vaartuig stootte zondagavond j.l, op 10 vaam zeewaarts van het vuurschip WATERWEG op een zich onder water bevindend voorwerp, waardoor het lek werd en de bemanning voor eigen lijfsbehoud genoodzaakt was de schuit door pompen drijvende te houden. Maandagavond (opm: 20 juli) bevond de schuit OSTENDE No. 87 zich bij Goeree en was de equipage niet langer in staat diensten te verlenen. Bovengemelde botter kwam toen in het gezicht, nam de afgematte visserlieden aan boord en zette hen te Hoek van Holland aan wal. De OSTENDE No. 87 ligt thans gezonken in 13 vaam water in het gezicht van Goeree.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 21 juli. WILHELMINA. Er is een contract opgemaakt om de lading lood te bergen tegen 2 pesetas als er 300 geborgen worden per dag, 3 pesetas tussen 2 en 300, 8 pesetas als er minder dan 100 geborgen worden. De 18de werden 92 stukken lood geborgen, de 19de 186 en de 20ste 253 stukken.


25 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown Rochepoint, 23 juli. Het schip DUNDONALD, dat schade leed door aanvaring met het stoomschip SANTARENSE (ex DIDAM) is hier heden aangekomen, de voor- en groot bramstag zijn weg. (opm: zie NRC 020796)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 24 juli. De Engelse bark DUNDONALD van San Francisco naar Hull met een lading tarwe, gisteren te Queenstown aangekomen, landde de gezagvoerder en een deel der bemanning van het stoomschip SANTARENSE (ex DIDAM) aan boord, dat 18 juli (opm: 9 juni, zie NRC 040796) laatstleden door aanvaring met eerstgenoemd schip is gezonken. De DUNDONALD heeft schade aan boeg en tuig, de voorste afdeling staat vol water.


26 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 23 juli. WILHELMINA. Door het ongunstige weer zijn tot op heden opnieuw slechts 272 stukken lood opgevist.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Queenstown, 24 juli. Na de aanvaring met de SANTARENSE (ex DIDAM) werd door de DUNDONALD ongeveer 200 ton lading geworpen.


28 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 24 juli. WILHELMINA. De 23e dezer werden 422 blokken lood geborgen. Het weer is gunstig.


29 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 27 juli. Op de Groninger Wadden, achter de zandbank Simonszand, zit het wrak van een groot schip, naar het heet de TALISMAN. Het moet voor de december-storm op de Engelse kust gestrand en daarna naar onze kusten gedreven zijn. Het ligt onderste boven; ‘t was geladen met zware balken van buitengewone lengte, die in groot aantal op Borkum en onze kusten zijn aangespoeld. Enige honderden balken zitten er nog in; een Zeeuwse maatschappij is thans bezig die balken uit het wrak te halen. In weerwil, dat er ruim honderd werklieden tegenwoordig zijn, vordert de arbeid gering, dewijl de aannemer verschil met hen heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 25 juli. WILHELMINA. De 24e dezer werden 532 blokken lood geborgen.


30 juli 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 27 juli. WILHELMINA. De 25e dezer werden 391 blokken geborgen. Gisteren kon wegens deining niet gewerkt worden.


31 juli 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 juli. Het Duitse barkschip GUSTAV FRIEDRICH FOCKING, groot 524 ton, gebouwd te Dantzig (opm: Gdansk) in 1866, is aangekocht door kapitein P. Arkema te Farmsum, en thans genaamd JAN SIEVERT.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis, 29 juli. Het Nederlandse stoomschip MAASDAM, van New York, is gisterenavond alhier aan de grond gevaren doch hedenmorgen met assistentie van de tender COLUMBUS vlot gekomen en naar Rotterdam opgestoomd, waar het sedert is aangekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam. Hedenmiddag is het nieuwe stoomschip KONINGIN WILHELMINA van Stoomvaart Maatschappij Nederland door enige genodigden bezichtigd. De geriefelijke en kostbare inrichting van het schip maakte blijkbaar indruk op de bezoekers. De 8e augustus aanvaardt het schip haar eerste reis naar Indië, gezagvoerder is kapitein Bakker.


01 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Volgens telegram Lloyd's zette het Nederlandse fregat NEDERLAND, kapitein Bons, de 66e dezer, na volbrachte reparatie, de reis van Port Stanley naar San Francisco voort. (opm: zie PGC 180796)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juli. Het stoomschip KONINGIN WILHELMINA vertrok de 27e dezer van Banana herwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 29 juli. WILHELMINA. Gisteren werden 331 blokken lood geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 31 juli. Het stoomschip AFRIKAAN is 06.15 namiddag met behulp van de sleepboot NIEUWESLUIS, vlot gekomen en opgestoomd naar Rotterdam.


02 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 30 juli. WILHELMINA. Gisteren werden 828 blokken lood geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 augustus. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram van Suez, is het stoomschip DOELWIJK uit zee teruggekeerd na bij Raagharib (opm: Ra’s Ghārib, 28º21’ N.B. 33º04’ O.L.) op strand gezeten te hebben; het stoomschip dat onderzocht zal worden, is niet lek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 augustus. Het stoomschip TELAMON, van Singapore te Londen binnen, vertrekt heden met het restant der lading van daar naar hier. Het zal na lossing onder Nederlandse vlag gebracht worden en op 9 augustus voor de Maatschappij Oceaan van hier naar Java vertrekken via Liverpool.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tessel, 31 juli. STANLEY. Door de hevige branding is een stuk uit de zij van het wrak geslagen, waardoor vele balen jute verloren zijn gegaan.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 30 juli. Het stoomschip BELGENLAND van Philadelphia kwam bij het rondzwaaien in aanvaring met het ten anker liggende stoomschip OCEANA, bestemd naar Valparaiso, waardoor eerstgenoemde stoomschip schade aan achterschip, sloepen en davids bekwam. Laatstgenoemd schip heeft ogenschijnlijk geen schade.


04 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 31 juli. WILHELMINA, 802 blokken lood geborgen.


  LC - Leeuwarder Courant

Uit de hand te koop: een tjalkje met inventaris, groot 39 ton, aan de werf bij W. Zwolsman te Makkum.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 15 juli. De 9e werden 300 ton kolen ex HUGO MOLENAAR verkocht, waarvan 40 ton tegen 29, en 260 ton tegen 20 shilling 3 pence. Op order der experts werd voortgegaan met het lossen der kolen wegens toenemende temperatuur, waarvan hedenochtend 25 ton werden verkocht tegen 21 shilling 9 pence, 235 ton tegen 21 shilling 6 pence, en de overige tegen 20 shilling 3 pence, vrij van invoerrechten.


05 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kaapstad, 15 juli. De Nederlandse bark MELATI, van Semarang naar de Azoren, voor orders, hier de 9e dezer met schade binnengelopen, heeft op het Kaapse Rif zwaar stormweder doorstaan, waardoor alles van dek werd geslagen en vele zeilen verloren gingen en het roer beschadigd werd. De gezagvoerder rapporteerde dat het schip lek is en de lading beschadigd. Een onderzoek heeft plaats gehad, waarna het schip in het dok wordt gebracht. (opm: zie PGC 120896)


06 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 6 augustus. Van het stoomschip WILHELMINA werden op 31 juli 1030 blokken, op 11 augustus 646 blokken, en op 2 augustus 443 blokken lood geborgen. De totale hoeveelheid geborgen blokken tot nu toe: 3670.


07 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Visby, 31 augustus. Het Nederlandse driemast schoenerschip ADELAAR, kapt. J.H. Middel (opm: A. Sommer), van hier naar Sando (opm: Zweden), is 27 augustus te Hernösand binnengelopen, daar het de nacht daarvoor was lekgesprongen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 4 augustus. WILHELMINA. 313 blokken lood geborgen. Totaal nu aangebracht 5013 blokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Shanghai, 26 juni. Het stoomschip W. CORES DE VRIES van Hankow (opm: Hankou, Wuhan) naar Shanghai, kwam de 20ste dezer met het te Chinkiang (opm: Zhenjiang) ten anker liggende stoomschip HOIHOW in aanvaring, waardoor laatstgenoemde schade leed in de midscheeps aan bakboord, juist boven de waterlijn. Eerstgenoemd schip leed schade aan de voorsteven, de voorpiek is vol water gelopen. Beiden moeten hier repareren.


08 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 6 augustus. Volgens particulier telegram is het Nederlandse schip (opm: bark) NOACH V, kapt. R.H. Vil, in de haven van Pecalongan (opm: Pekalongan) verbrand. Het schip was groot 1329 reg. ton en werd in 1876 te Slikkerveer van hout gebouwd.
De NOACH V arriveerde op 15 juli van Rotterdam te Cheribon (opm: Cirebon) en vertrok sedert van daar naar Pecalongan alwaar het schip een gedeelte der lading moest lossen en tijdens de lossing in brand is geraakt. De lading bestond benevens enig kunstmest en lood uit 800 ton cokes, afgeladen door de heer W.J. van Dam en 600 ton kolen voor rekening van reder J. Koning te Rotterdam.
Het schip is op behouden varen verzekerd voor NLG 50.000, terwijl de waarde door deskundigen na de vertimmering bij vertrek uit Rotterdam op NLG 75.000 werd geschat.
Nader meldt men dat het schip totaal verloren en gezonken is. Alle opvarenden zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) De vistorpedo van Hr.Ms. PIET HEIN, die donderdag bij het inschieten verloren ging, is door schipper C. Drijver van de Texelse blazer TX 182, in het Marsdiep drijvende gevonden en te Nieuwediep aangebracht. Hij ontving als beloning NLG 250.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 07 augustus. Volgens bij de rederij ontvangen telegrafisch bericht heeft het schip HUGO MOLENAAR gisteren de reis van Kaapstad naar Semarang en Soerabaja voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Volgens telegram Lloyd's voer het stoomschip SLIEDRECHT, bestemd naar Rosario, bij vertrek uit het dok te Newport, tegen de kaaimuur. Het stoomschip keerde met zware schade aan voorsteven en boeg in het dok terug. Een gedeelte der lading zal vermoedelijk worden gelost.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 07 augustus. Voor de Koninklijke West-Indische Maildienst is aan de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij alhier de bouw opgedragen van een stoomschip, dat de naam PRINS WILLEM V zal dragen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 5 augustus. Van de overboord geworpen lading van de WILHELMINA werden gisteren 468 blokken lood geborgen. Vermoedelijk zal men heden niet kunnen bergen, wegens het ongunstig weer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Op een stoomschip geladen met graan, kwamen gisteren enige leden van de N.N.B. bond om te trachten de werkzaamheden te doen staken omdat er niet gewerkt werd overeenkomstig de loonlijst. Enigen hebben daarop de graanbakken overboord gegooid, de werklieden die wilden voortgaan met werken werden bedreigd. Tegen de daders zal procesverbaal worden opgemaakt.


11 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kaapstad, 22 juli. Volgens mening der surveyors is het tot op heden niet nodig iets van de lading van de MELATI te lossen of het schip te dokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 augustus. Het opbrengen van de DOELWIJK.
Reuter seint uit Rome d.d. 9 augustus: Naar uit Perim geseind wordt, is de Nederlandse stoomboot DOELWIJK met wapens en ammunitie aan boord en met ogenschijnlijke bestemming naar Karachi buiten de route op 11 mijlen van de Afrikaanse kust door een Italiaanse kruiser verrast en naar Massana (opm: Massawa, thans Mits’iwa, Eritrea) opgebracht. De DOELWIJK, kapitein Datema, behoort aan de firma W. Ruys & Zonen, alhier.
Het schip heeft sedert de 18e maart de volgende bewegingen gemaakt. Het vertrok op die datum naar Reval (opm: Tallinn), 25 maart vandaar naar Stockholm, waar het op 30 maart aankwam, en de schade herstelde welke het geleden had, doordat het op het strand had gezeten. Eind april verliet het Stockholm en kwam de 18e mei te Riga aan. Vandaar vertrok het de 4e naar Rozenburg en kwam de 12e mei te Maassluis aan. Twee maanden later eindelijk, de 12e juli, voer het naar Port-Saïd en passeerde Suez de 2e augustus.
In de twee maanden gedurende welke het schip in de Nieuwe Waterweg vastlag, deden reeds enige geruchten omtrent lading en bestemming de ronde. Wij brengen de berichten in herinnering welke daaromtrent in ons blad van 19 en van 21 juni j.l. werden opgenomen. "Nog steeds – zo werd daarin gezegd – ligt het stoomschip DOELWIJK aan de boeien van de nieuwe Kruithaven tegenover Vlaardingen. Het werd aanvankelijk het eerste etmaal niet ingeklaard, omdat voorgegeven werd dat het op zou stomen. Door de belastingrecherche werd echter ontdekt, dat kisten wapenen en munitie aan boord waren. De lading bestond uit enige kisten, waarvan de kapitein echter de inhoud niet kende. Hoewel een stoomschip nimmer langer dan 1½ etmaal aan de Kruithaven of boeien mag liggen, is de DOELWIJK tot nog toe daar gebleven."
Ons tweede bericht luidde: "Nader deelt men ons mede, dat de belastingambtenaren pas na pertinente opvrage der cognossementen uit Rotterdam te weten gekomen zijn, dat de DOELWIJK ammunitie, verpakt in kisten, aan boord had. Hoewel bij verzwijging daarvan steeds terstond proces-verbaal wordt opgemaakt door de commissaris van politie te Maassluis, is dit thans niet geschied. Geen der opvarenden zegt de bestemming der oorlogslading te kennen."
Naar wij nader vernemen, is de DOELWIJK vrij van molest voor 12 maanden aan de Rotterdamse Beurs verzekerd en is zij aan een Franse firma te Parijs in maandcharter verhuurd. De lading werd grotendeels gescheept te Maassluis en wordt vermoed bestemd geweest te zijn naar Oboek (opm: Obock) of Dzjiboeti (opm: Djibouti) of een andere plaats op de Oost-Afrikaanse kust.
Volgens een telegram aan de Petit Bleu had het schip 40.000 geweren van Luiks fabrikaat aan boord welke voor Abessynië bestemd waren en is het gesnapt door een van de kruisers welke in het kanaal van Suez de wacht houden tegen de invoer van oorlogscontrabande.
Gelijk men zich herinnert, worden handelaars te Dzjiboeti en te Oboek door de Italianen verdacht en beschuldigd herhaaldelijk grote voorraden wapens en krijgsvoorraad, voor Menelik bestemd, van schepen welke des nachts gelost werden, in ontvangst te hebben genomen en met kleine karavanen naar de Negus te hebben doorgezonden. Zelfs werd de Franse gouverneur van Obock, Lagarde, verdacht van die handel – waarin, naar men zegt, ook Rusland de hand zou hebben – oogluikend toe te laten, zo niet erger.
De firma W. Ruys & Zonen alhier, tot wie wij ons om inlichtingen hebben gewend, verklaarde het bericht zelf het eerst uit de bladen te hebben vernomen en geen nadere mededelingen te hebben ontvangen.
Onze correspondent te Londen seint:
De correspondenten te Rome van de Engelse bladen geven de volgende bijzonderheden nopens het opbrengen van de DOELWIJK door de Italiaanse kruiser ETNA. Het geschiedde vrijdagavond in de zeeëngte van Perim tien mijlen benoorden de Afrikaanse kust. De kruiser had van de regering order ontvangen om uit te kijken naar de door Fransen bevrachte DOELWIJK, daar deze wapens aan boord had voor Menelik (opm: Menelik II, keizer van Ethiopië) bestemd, wiens agenten te Dzjiboeti gereed heten te zijn om ze in ontvangst te nemen en door te zenden naar Sjoa (opm: Shoa Ghimirra, thans Shewa Gīmīrra, Ethiopië). Toen de DOELWIJK weigerde aan het bevel van de ETNA om stil te houden te gehoorzamen en integendeel met volle kracht doorstoomde, loste de ETNA een schot en enterde daarna de DOELWIJK, welker gezagvoerder de Nederlandse vlag hees en verklaarde zich onderweg te vinden naar Hindostan (opm: Hindustan). Aan boord vond de commandant van de ETNA echter 40.000 moderne repeteergeweren en vele miljoenen kardoezen. De commandant van de ETNA heeft geseind dat de opbrenging geschiedde in de Italiaanse territoriale wateren, hetgeen de gezagvoerder van de DOELWIJK evenwel loochende. Desondanks werd de DOELWIJK met de Franse supercargo door de Italiaanse kruiser ARETUSA naar Massaua (opm: Massawa) gesleept. Het Italiaanse bewind benoemt heden een commissie om de DOELWIJK goede prijs te verklaren. Een telegram van Lloyd’s meldt dat de DOELWIJK gisteren te Massaua is aangekomen.
(opm: AH 110896 geeft goeddeels dezelfde informatie, maar voegt er o.a. nog aan toe: De Italiaanse regering had vernomen dat vaartuigen, geladen met wapens, door het Suez kanaal passeerden, en daarom werd een patrouilledienst van Italiaanse oorlogsschepen georganiseerd langs de kust van Eritrea. Toen de ETNA de DOELWIJK in het zicht kreeg, seinde zij om de vlag te hijsen. Daarvan werd echter geen notitie genomen. Het oorlogsschip seinde toen aan de DOELWIJK om te stoppen, maar het Nederlandse schip trachtte integendeel te ontsnappen. De kapitein van de ETNA seinde toen aan de kruiser ARETHUSA die in de buurt was, om het verdachte vaartuig de pas af te snijden. Nu was er geen ontkomen meer aan; de kapitein van de DOELWIJK hees dan ook de Nederlandse vlag en draaide bij. De Italiaanse commandant gaf bevel het schip in beslag te nemen en op te brengen naar Massoeah (opm: Massawa). Er wordt bijgevoegd, dat de opbrenging plaats had in de Italiaanse territoriale wateren.
De correspondent van de Daily News spreekt van 60.000 geweren en voegt er bij dat de ministerrraad gisteren zou bijeenkomen en een commissie benoemen om de DOELWIJK prijs te verklaren.
Voor overige berichten inzake deze problematiek wordt o.a. verwezen naar NRC 140896, 150896, 151196, 200896, 230896, PGC 211196 en NRC 231296)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 06 augustus. WILHELMINA. Door het ongunstige weer werd niets geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 augustus. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram uit Bahia is het hier in de haven liggende Nederlandse barkschip FAIRY, kapitein Geen, in brand geraakt. Deze werd geblust en heeft lichte schade aan schip en lading veroorzaakt.


12 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 9 augustus. Het stoomschip WILHELMINA is gedokt; er zijn 4 platen van de bodem die ingedrukt waren uitgenomen en glad gewalst.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kaapstad, 22 juli. Het hier lek en met schade binnengebrachte Nederlandse schip MELATI (opm: zie PGC 070896), kapt. W. Catlender, is door experts nagezien en zal niet van de lading hoeven lossen of te dokken.


13 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Shanghai, 26 juni. Het Nederlandse s.s. SINDORO van de Koninklijke Parketvaart Maatschappij, in 1874 gebouwd van ijzer, groot 1114 Reg. Ton, werd voor NLG 90.000 naar Japan verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Sumatra Courant van 3 juli meldt: Zaterdagmorgen (opm: 27 juni) liet het van Djeddah komende stoomschip JAVA, van de Maatschappij Nederland, hier te Padang op de buitenrede vóór de Koninginnebaan het anker vallen. Het schip had de gele vlag in top. (opm: schip vraagt om free pratique, vrij verkeer met de wal). Bij onderzoek bleek, dat onder de van Mekka terugkerende bedevaartgangers, waarvan een gedeelte hier moest ontschepen, een vervaarlijke pokkenepidemie was uitgebroken. Geen aanlokkelijke lading dus. De officier van gezondheid Mayer, die met de trein van 2.45 van Padang te Emmahaven was aangekomen en zich vandaar onmiddellijk naar boord begaf, constateerde de toestand, gaf er telefonisch kennis van aan het plaatselijk bestuur en verbood intussen de ontscheping en elke gemeenschap met de wal. Een algemeen gemopper was hiervan het gevolg. Met de trein van 4.30 kwam ook de assistent-resident De Rooy te Emmahaven en gaf, na onderzoek, last om het verbod van de geneesheer van dienst te handhaven.
De JAVA stoomde toen naar het eiland Pisang, terwijl door de assistent-resident maatregelen werden genomen om aan passagiers en opvarenden alle mogelijke bijstand en ook geneeskundige hulp te doen verlenen. De zieken benevens een gedeelte der passagiers zijn op Pisang ontscheept, waar een dokter-djawa (opm: inlandse arts) met alle nodige geneesmiddelen te hunner beschikking is gesteld. De officier van gezondheid Mayer laat intussen met de nodige helpers het schip zoveel mogelijk ontsmetten. De schout Eigemann waakt met een aantal oppassers voor een strikte handhaving der nodig geoordeelde quarantaine-maatregelen. De havenmeester en diens assistent te Emmahaven werken in dezelfde richting samen. Onder het publiek loopt echter het praatje, dat alle moeite en zorg te vergeefs zijn, omdat ….. neen, die tjarita (opm: overgeleverd verhaal) is ons te lang van draad – en dat de plaatselijke autoriteit zich de vingers heeft gebrand. Naar ons oordeel mag het publiek voor de genomen maatregelen dankbaar zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bolnes, 12 augustus. Het stoomschip LEIBNITZ, groot 2533 registerton van de S.A. de Navigation Royale Belge Sud-Americaine te Antwerpen is verkocht aan de firma G.B. Pas en Zonen te Bolnes om te worden gesloopt. Het is in 1873 gebouwd bij de heren A. Leslie and Cy te Newcastle. Het kwam te Liverpool met schade binnen en zal van daar naar hier worden gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Baltimore, 10 augustus. Het schip SUMATRA van Coquimbo naar Newport, werd 25 juli in het midden der oceaan gepraaid met de grote mast en voorbramsteng overboord en onder noodtuig, koersende om de west.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 10 augustus. De 8e werden 10 en gisteren 119 blokken lood uit de WILHELMINA geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Het onwaarschijnlijke bericht dat de DOELWIJK zou zijn aangetroffen op 36 kilometer van de kust in de zee-engte van Perim, wordt niet bevestigd. Volgens de Shipping Gazette was dit op 2 mijl afstand van Perim (opm: zie NRC 110896).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Perim, 10 augustus. Het Nederlandse stoomschip DOELWIJK werd 2 mijl van deze haven in het nauw der straat door het Italiaanse stoomschip ARETUSA prijs gemaakt (opm: zie NRC 110896) en naar Assab gebracht.


14 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 september. Het Nederlandse schip TJERIMAI, kapt. van Duyn, van Amsterdam naar Belawan, op 4 juli met schade te Falmouth binnengelopen, heeft heden na volbrachte reparatie de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Omtrent de DOELWIJK vernam de Arnhemsche Courant nog een andere lezing: Onze regering zou de Engelsen hebben gewaarschuwd omdat het schip naar Hindustan heette te gaan. De Engelse regering vermoedde veeleer dat Abessinië de bestemming was, en zou de Italiaanse regering ingelicht hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newport, 11 augustus. De SLIEDRECHT is bezig de lading te lossen en zal in het droogdok gaan om te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 11 augustus. WILHELMINA. Na het bergen der laatste 87 blokken heeft de aannemer het duiken gestaakt. Men wenst te weten hoeveel blokken bij de lossing ontbraken, om daarnaar te kunnen handelen.


15 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De DOELWIJK. De Italiaanse Tribuna heeft uit Massaua (opm: Massawa, thans Mits’iwa, Eritrea) nadere bijzonderheden omtrent het enteren en opbrengen van de DOELWIJK vernomen. Een Italiaanse luitenant, die zich aan boord begaf, deelde de kapitein van de DOELWIJK mede dat het schip in beslag genomen werd. Deze verklaarde wapens aan boord te hebben om ze naar Karachi te vervoeren. Hij wist niet, aan wie de zending geadresseerd was; hij moest zich thans naar Dzjiboeti (opm: Djibouti) begeven om een Fransman, Pierre Carette genaamd, aldaar af te zetten. De Italiaanse officier constateerde daarop dat de naam van deze passagier niet in de scheepspapieren te vinden was. Aan boord van de DOELWIJK werden, volgens de Tribuna, gevonden 2400 kisten, elk met 13 geweren; de kisten waren gemerkt met ‘Rapaz, Cantelman of Castelbran, te Saint-Etienne. Volgens de Temps bestaat een fabriek van die naam te Saint-Etienne niet. Daarbij bevatte het schip 2200 kisten met ammunitie en een paar honderd met sabels. De lading zou van Riga – dus toch uit Rusland! – naar Rotterdam gezonden zijn.
De kapitein van de DOELWIJK moet zeer tevreden zijn over de beleefde behandeling, welke hij genoten heeft. De passagier Carette is reeds aan boord van een Engels schip naar Aden vertrokken. Hij zegt een neef van de Franse admiraal Beauvais te zijn en op weg naar Dzjiboeti te zijn gegaan om daar te jagen. Men hield hem voor een marine-officier.
Naar uit Rome aan de Temps geseind wordt, zijn de leden van de prijscommissie reeds door de Italiaanse regering aangewezen; waarschijnlijk zijn zij nog niet officieel benoemd. De regering houdt vol dat de opbrenging van de DOELWIJK volkomen gewettigd was, al geeft zij toe dat het schip niet in Italiaanse wateren werd aangetroffen. Sedert juli was zij gewaarschuwd dat het schip zou passeren; door wie blijkt niet.
Daarentegen seint onze correspondent te Berlijn: Naar het Berliner Tageblatt uit Rome verneemt, wordt de vertraging in het verschijnen van het besluit tot benoeming der prijscommissie daaraan toegeschreven, dat niet alle ministers, in het bijzonder de minister van marine Brin, het eens zijn over de rechtmatigheid van het gelegde beslag. Er zouden moeilijkheden ontstaan zijn, daar de wapens niet bestemd waren om gebruikt te worden tegen de Italianen maar tegen de Derwisjen, tengevolge van een overeenkomst tussen de Negus en Engeland en dit land reeds een vriendschappelijk vertoog tot de Italiaanse regering zou gericht hebben.
Na melding gemaakt te hebben van hetgeen wij schreven omtrent het lot dat de DOELWIJK te wachten kan staan, schrijft het Vaderland te kunnen mededelen, dat er geen enkele reden bestaat om zich over schip of lading ongerust te maken. Die zaak is geheel in orde. De DOELWIJK werd voor een jaar gehuurd door een Franse firma van de firma W. Ruys & Zn, om daarmede vracht te bevaren. Die vracht is ingenomen en was bestemd volgens cognossement naar Djibouti, een Franse haven. De schipper had dus niets anders te doen, dan zijn lading aldaar te lossen en was het voor hem niet nodig te weten, wat men verder met de lading zou doen. "Men had hem evengoed vandaar weder naar Obok (opm: Obock, Djibouti) kunnen zenden, eveneens een Franse haven in die wateren."
"Dat nu de Italianen aannemen, dat die wapenen bestemd waren voor Menelik (opm: Menelik II, keizer van Ethiopië), berust op niets. – Wanneer zij 14 dagen vroeger de DRENTHE, een stoomschip van diezelfde firma, op diezelfde plaats hadden aangehouden, welke weg dat schip volgen moest naar Indië, dan zouden zij eveneens een grote lading geweren en allerlei ammunitie hebben gevonden en zouden zij dat schip dan mogelijk ook prijs hebben gemaakt." – Wij wensen hierbij aan te tekenen dat deze zaak bezwaarlijk ‘geheel in orde’ kan zijn, alvorens de te benoemen ‘commission des prices’ uitspraak zal hebben gedaan. Wel zou de mogelijkheid niet buitengesloten zijn dat de Italiaanse regering schip en lading uit eigen beweging teruggaf, maar het Vaderland zegt niet, dat en op welke grond het deze oplossing waarschijnlijk zou achten. Het is veeleer aan te nemen dat Italië zich zal houden aan zijn opvatting dat de wapenen voor Menelik bestemd waren en wie kennis heeft genomen van de talrijke correspondentiën, waarin van een geheime handel in wapens uit de Franse Oost-Afrikaanse havens met Menelik sprake was, kan moeilijk volhouden dat die opvatting op niets berust. Zij vindt steun, op zijn zachtst gesproken, in een sterk vermoeden.
Het voorbeeld van de DRENTHE eindelijk komt ons niet gelukkig gekozen voor. Naar volkenrechtelijke opvatting heeft de oorlogvoerende mogendheid het recht een schip aan te houden en te doorzoeken, al ware het in volle zee, waarvan zij vermoedt dat het wapenen voor de vijand bestemd, vervoert. Ten opzichte van de DRENTHE ontbrak een dergelijk vermoeden natuurlijk volkomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Haarlemsche Machinefabriek voorheen Gebr. Figee te Haarlem,
heeft een gedeelte harer werkplaatsen ingericht tot het maken van installatiën voor
electrische krachtoverbrenging en electrische verlichting. Belangrijke orders zijn door haar met succes uitgevoerd en nog in bewerking.


16 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 13 augustus. Het bergingsvaartuig INVICTA, van de Whitstable Salvage Company arriveerde hier met 37 vaten olie, ex gezonken Nederlandse stoomschip CASTOR. De merken waren niet te onderscheiden.


17 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

(Geen plaats of datum) Op 11 augustus werd van de werf van de scheepsbouwmeesters Gourlay Bros & Co te Dundee te water gelaten het s.s. ROTTERDAM, dat bestemd is voor de vaart tussen Rotterdam en Grangemouth. Het stoomschip is 250 vt lang, 32 vt breed en 17 vt hol, en zal voorzien worden van een triple expansie machine.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Maassluis 14 augustus. Het s.s. ZUID-HOLLAND, met de lichter SCHEEPVAART 2 op sleeptouw, vertrok gisteravond naar Sunderland. Beiden keerden naar Maassluis terug, daar de lichter op het Noorderhoofd te Hoek van Holland aan de grond heeft gezeten en waarschijnlijk enige schade bekwam.
Later bericht: De SCHEEPVAART 2 is opgesleept naar Rotterdam per sleepboot NELLY en ook de ZUIDHOLLAND keerde naar Rotterdam terug.


18 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Jersey, 13 augustus. De stoombarge MAASMOND 15 is, nadat het van de baggermolen wegstoomde, op de Oyster-klippen gelopen. De gezagvoerder liet onmiddellijk de barge ledig maken en bracht het vaartuig in de haven terug. Na onderzoek heeft men een plaat aan stuurboordzijde beschadigd bevonden. De kosten der reparatie zijn slechts gering.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.F. von Glahn, makelaar, zal op maandag 31 augustus 1896, des namiddags te 3 uur in het verkooplokaal Frascati te Amsterdam presenteren te verkopen:
1. Het stalen schroefstoomschip BURGEMEESTER VAN ALKMAAR, lang 23,66 meter, wijd 3,69 meter, hol 1,64 meter, gemeten op 143 m³, met hoge- en lagedrukmachine van 35 pk en cylindervormige stoomketel van 6 atm. stoomdruk.
2. Het stalen schroefstoomschip PURMEREND, lang 23,66 meter, wijd 3,79 meter, hol 1,64 meter, gemeten op 141 m³, met compound-machine van 35 pk, met cylindervormige stoomketel met dom (stoomdom, cilindervormige verhoging van de stoomruimte), 6 atm. stoomdruk, met de daarbij behorende inventaris, breder bij biljetten omschreven.
Beide boten zijn geheel voor veevervoer ingericht en doen dienst tussen Texel, Leiden, Alkmaar, Purmerend en Amsterdam. Te bezichtigen te Amsterdam op dinsdag van 2-4 uur, liggende aan het abattoir, te Purmerend op dinsdag van 8-11 uur, liggende in het Groot Noord-Hollandsch Kanaal bij de school, te Alkmaar op maandag, woensdag, donderdag, vrijdag en zaterdag. Beide boten worden afzonderlijk en gecombineerd geveild.
3. De gekoperde stoom-radersleepboot STAD AMSTERDAM, lang 21,50 meter, wijd 5,52 meter, hol 2,99 meter, met zware balansmachine van 65 pk en kistvormige stoomketel met deszelfs zware roodkoperen stoom- en afvoerpijpen, afsluiters, kranen en metalen. Deze boot mag nimmer in Nederland, onder welke vorm ook, als sleep- of salvageboot in de vaart worden gebracht. Dagelijks te bezichtigen, ligplaats Amsterdam Oosterdok bij de keersluis.
Voor nadere informatiën en veilingsvoorwaarden zich te vervoegen bij bovengenoemde makelaar, Den Texstraat 5b, Amsterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 augustus. Behalve wat reeds vermeld is, worden nog 2 platen uitgenomen van het stoomschip WILHELMINA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 17 augustus. Door de firma L. Smit & Co, die door twee hunner sleepboten het dok, voor het Portugese gouvernement bestemd, van Rotterdam naar San Paul de Loando (opm: Luanda, Angola) zullen doen slepen, zijn informatiën ingewonnen bij de redactie der Shipping Gazette betreffende de te voeren lichten voor sleepboten en op het dok. In antwoord komt in de Shipping Gazette onder meer voor, dat de sleepboten de gewone lichten moeten voeren wanneer zij slepen, namelijk gewone zij- en twee witte toplichten. Wat het droogdok betreft, wordt het raadzaam geoordeeld alleen zijlichten te voeren en voor meerdere veiligheid zou men ook een heklicht moeten vertonen, ingeval men door een vaartuig zou worden achterop gelopen. (opm: zie NRC 210896)


19 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. DOELWIJK. Volgens een telegram uit Rome aan de Kölnische Zeitung is gisteren een koninklijk besluit van 16 dezer openbaar gemaakt, waarbij een prijsrechtbank (dus geen int. prijscommissie) wordt ingesteld en geregeld, en zijn de leden daarvan benoemd. Tot voorzitter is benoemd de president van het Hof van Cassatie, de senator Ten Credi Canonico.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Capelle (opm: waarschijnlijk Capelle, 50º27’ N.B. 01º34’ O.L, Pas-de-Calais), 16 augustus. Het Franse stoomschip QUATRE AMIS zit gevaarlijk en heeft belangrijke schade, het achterruim en de machinekamer zijn vol water, en het dek zit met hoogtij onder. De lading bestaat uit machinerieën, spoorijzer kolen en cokes, bestemd naar Beyrout; het scheepshol begint tekenen te vertonen van opbreken, de dekplanken breken en de naden openen zich, slechts 100 ton van de lading is gelost en 2 gaten zijn door duikers voorlopig dichtgemaakt. Men begint door pompen op het water in het schip te winnen. De toestand is hachelijk.


20 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 14 juli. Het Nederlandse barkschip ANNA ALEIDA, ter rede geankerd, werd gisteren aangevaren door de kuststomer CAROLINE JOHANNA. Er werd ondermeer enige schade aan de boegspriet veroorzaakt. Dit bedrag wordt op GBP 65 begroot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 augustus. In een correspondentie uit Rome aan de Kölnische Zeitung wordt er op gewezen dat de opbrenging van de DOELWIJK vooral moeilijkheden zal bereiden aan de Zwitserse ingenieur Ilg, die reeds sedert jaren de Europese raadgever en zaakwaarnemer van Menelik is. Dan vervolgt de correspondent aldus: ‘Volgens de laatste berichten uit Rotterdam toch heeft nu juist diezelfde heer Ilg in mei j.l. de DOELWIJK gehuurd om wapens naar Afrika te brengen welke te Marseille zouden worden ingeladen. Blijkbaar is het deze zelfde lading welke thans in handen der Italianen gevallen is.’ Die ‘berichten uit Rotterdam’ klinken zeer onwaarschijnlijk, al was het alleen omdat de DOELWIJK Marseille in het geheel niet aangedaan heeft. Aan het slot zegt de briefschrijver dat de eigenaars van schip en lading hun aanspraken voor het prijsgerecht te verdedigen zullen hebben, maar naar het schijnt zonder de steun van de Nederlandse regering; ‘deze schijnt veeleer geneigd het Italiaanse standpunt te erkennen.
Naar de Politische Korrespondenz harerzijds uit Rome verneemt, is het volstrekt onjuist, dat er door welke mogendheid ook officieel protest tegen de opbrenging is aangetekend. Slechts zou een Franse koopman, die vaak naar Sjoa reist, aan de Italiaanse gezant te Parijs verklaard hebben dat de lading zijn eigendom was en naar Dzjiboeti (opm: Djibouti) bestemd was. Met deze beweringen is echter de verklaring van de kapitein der DOELWIJK in lijnrechte tegenspraak.


21 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. Het ijzeren droogdok, gebouwd door de firma A.F. Smulders te Slikkerveer, dat eergisteren van hier naar San Paul de Loando (opm: Luanda, Angola) vertrok, gesleept door de sleepboten OCEAAN, kapt. Homan, en OOSTZEE, kapt. Bouman, wordt bemand als gezagvoerder door kapt. Weltevreden, van de sleepboot WODAN, benevens 2 machinisten, 1 stuurman, 1 timmerman, 2 matrozen en 2 stokers, allen Nederlanders.
Er is voor 120 dagen proviand aan boord, benevens 250 ton kolen, en is op het dok aanwezig een reddingboot, een jol, 11 zwemvesten, reddingboeien en 4 zakken om met olie gevuld te worden en die bij stormweder te gebruiken; de verbinding tussen het dok en de sleepboten bestaat uit twee 1½ duims kettingen van 25 vadem lang, die aan het dok zijn bevestigd, waarop de stalen voorlopers van de OCEAAN en een 18 duims geteerde manillatros en de stalen voorlopers van de OOSTZEE en een 15 duims geteerde manillatros worden vastgemaakt. Door de 140 ton wegende achter op het dok vastgemaakte ponton ligt het achter 12 duim dieper en door bijzondere seinen kunnen de gezagvoerders onder elkander gemeenschap houden; de afstand naar San Paul de Loando wordt op ongeveer 6000 Engelse mijlen geschat.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 19 augustus. Het Engelse stoomschip CITY OF LONDON, van Brussel naar Londen, is bij Vilvoorde (Brussels Zeekanaal) met het Belgische stoomschip ANNA in aanvaring geweest, waardoor beide schade leden.


22 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Volgens telegram Lloyd´s heeft het Nederlandse stoomschip VAN GOENS op een klip gestoten, waardoor het lek is geworden. Het werd bij Sinkei (opm: Singkel) op een veilige plaats op strand gezet. Een stoomschip is ter assistentie derwaarts gezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 21 augustus. Het Portugese droogdok passeerde woensdag namiddag 7.30 uur Dover en donderdag namiddag 1.00 uur Dungeness.


23 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 21 augustus. Het stoomschip GOVERNOR GOODWIN (opm: Amerikaans schip), van New York naar Chefoo (opm: Yantai), is op Prinsen-eiland gestrand en wrak geworden. De opvarenden zijn gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 augustus. De DOELWIJK. De Berliner Börsen-Courier deelt van welingelichte zijde de mening mede, welke aan het ministerie van buitenlandse zaken omtrent het geval met de DOELWIJK schijnt te heersen. Allereerst doet men daar opmerken dat er geen sprake van kan zijn, dat de Italiaanse regering thans met de opbrenging verlegen zit. Immers, het bevel om het schip op te brengen, werd, op advies van de minister van buitenlandse zaken, door de ministerraad gegeven. De maatregel was dus wel overwogen. Wat de ingebrachte bezwaren betreft, deze gaan volgens de regering niet op. ‘De toetreding van Menelik tot het tractaat van Brussel (slavenhandel) is door bemiddeling van Italië geschied en betekent voor het onderhavige geval niets – hier geldt het niet een recht van Abessynië (om wapens in te voeren) maar de plicht van neutrale mogendheden, om de oorlogstoestand van Italië met Abessynië in acht te nemen en geen oorlogscontrabande te vervoeren. De heer Chefneux (deze naam wordt, voor zover wij weten, hier voor het eerst genoemd), die onder Nederlandse vlag 90.000 (?) geweren naar Dzjiboeti (opm: Djibouti) wilde smokkelen om ze vandaar naar Sjoa (opm: Shoa Ghimirra, thans Shewa Gīmīrra, Ethiopië) te doen vervoeren, bedriegt zich, indien hij de tegen de confiscatie ingebrachte bedenking, dat hij als Fransman in Dzjiboeti zoveel geweren mag brengen als hij wil, voor gegrond houdt. De vraag is welk doel de wapenzending heeft. Hij zou moeten bewijzen dat het doel niet Sjoa was en dat zou hem zeer moeilijk vallen.
De andere bedenking: dat de oorlog tussen Italië en Abessynië niet verklaard geworden is, houdt nog minder steek. De oorlog heeft aan beide zijden meer dan 20.000 offers gekost; het gaat dus niet op van de noodzakelijkheid ener oorlogsverklaring te spreken, afgezien nog daarvan dat Italië, aangezien Abessynië onder zijn protectoraat stond, daartoe in het geheel niet verplicht was. De Italiaanse regering twijfelt er derhalve geen ogenblijk aan dat de heer Chefneux geen handel, maar contrabande voerde, en dat de inbeslagneming van de DOELWIJK volkenrechtelijk volkomen gegrond was’.
Hoewel het bovenstaande tot tal van opmerkingen aanleiding zou kunnen geven, is het toch mogelijk dat het de mening der Italiaanse regering juist weergeeft. Het cijfert de noodzakelijkheid van oorlogsverklaring of kennisgeving van de oorlogstoestand aan de mogendheden weg, en dit is in overeenstemming met de neiging welke de volkenrechtelijke opvatting te dezen opzichte schijnt te vertonen, om n.l. alleen rekening te houden met de feitelijke toestand, die duidelijk genoeg aantoont of er vrede of oorlog is. Is de Italiaanse regering echter van deze mening, waarom zou zij dan toch, gelijk de Berl. B. C. onlangs mededeelde aan alle mogendheden, en gelijk wij vernamen aan de Nederlandse regering, kennis gegeven hebben dat zij zich met Abessynië in oorlog bevond? Bij de weinige zekerheid die de volkenrechtelijke bepalingen op dit stuk verschaffen, schijnt het voor het ogenblik nog te zijn: Quot capita tot sensus (opm: zoveel hoofden, zoveel zinnen).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 augustus. Na gehouden onderzoek door de Board of Trade in de zaak der aanvaring tussen het stoomschip SANTARENSE (ex DIDAM) en het schip DUNDONALD, waardoor eerstgenoemde zonk, heeft de Board of Trade de schuld der aanvaring aan de SANTARENSE geweten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 augustus. Het stoomschip VAN GOENS heeft op een klip bij Troeman (opm: Trumon, 02º48’ N.B. 97º38’ O.L.), Westkust van Sumatra, gestoten en werd bij Sinkel (opm: Singkel, 02º16’ N.B. 97º48’ O.L.) lek op strand gezet. Het stoomschip SPEELMAN is heden ter assistentie derwaarts vertrokken. (opm: zie PGC 280896)


25 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lundy eiland, 22 augustus. Het barkschip SUMATRA, van Coquimbo (opm: Chili) naar Newport, passeerde hier gesleept. Het heeft de grote mast met voorbramsteng verloren en schade geleden aan de verschansing.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 24 augustus. De bij Westkapelle geankerde schoener was de CAMWOOD BATE van Antwerpen naar Sunderland, de top van de grote mast was gebroken, de bemanning werd door de Belgische loodskotter 6 hier aangebracht. De kapitein was overboord geslagen, doch aan het Westkappelse strand gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Portland, 22 augustus. De sleepboten OCEAAN en OOSTZEE lopen hier binnen met een droogdok op sleeptouw; na kolen ingenomen te hebben werd de reis naar St. Paul de Loanda (opm: Luanda, Angola) voortgezet. Het dok houdt zich uitstekend. De gemiddelde vaart bedroeg 4 mijl per uur.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tessel, 22 augustus. STANLEY. Gedurende de afgelopen week kon slechts 3 dagen op het wrak worden gewerkt. Van de 4 masten staan er nog slechts 2 omhoog. Ruim 100 balen jute en katoen konden in de afgelopen week worden geborgen.


26 augustus 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een bijna geheel hersteld snikschip met complete inventaris. Te bezien aan de helling te Bolsward.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 24 augustus. Volgens bij de reders ontvangen bericht is het schip (opm: fregat) ADRIANA, kapt. Bruyn, van Santa Rosalia (opm: Westkust Mexico) naar hier bestemd, te Rio (opm: Rio de Janeiro) binnengelopen met verlies van zeilen, kluiverboom, grootbramsteng en ra’s. Vier tussendeksbalken zijn gebroken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 22 augustus. Het Engelse s.s. GOLDEN GROVE van de Fa G. Reid & Co te Newcastle, groot 913 Reg. Ton, in 1877 in Whitby van ijzer gebouwd, is door de Fa Ph. van Ommeren alhier aangekocht en zal onder de naam BARENDRECHT voor de Oostzeevaart worden gebruikt. Het schip is bevracht van Newcastle naar Memel (opm: Klaipeda) en van daar naar Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

(Geen plaats of datum) Voor rekening van de Maatschappij tot Exploitatie van Petroleumbronnen in Nederlandsch Indië, gevestigd te 's Gravenhage, werd op de werf van Rijkee & Co te Katendrecht de kiel gelegd voor een stalen tankschip (opm: BESITANG).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Newport, 24 augustus. Het barkschip SUMATRA dat hier gisteren onder noodtuig arriveerde, vertrok de 10e april van Coquimbo (opm: Chili) naar Newport en heeft eind april bij Kaap Hoorn door zwaar stormweer de grote mast en voorbramsteng verloren. Ook de verschansing en verschillende zaken werden beschadigd.


27 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. Volgens telegram van Lloyd's is de VAN GOENS vlotgekomen en wordt te Singapore verwacht.


28 augustus 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 26 augustus. Het s.s. VAN GOENS, dat bij Singkei (opm: Singkel) op het strand werd gezet (opm: zie NRC 230896), werd vlotgebracht en zal naar Singapore vertrekken om daar te dokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Antwerpen, 25 augustus. Het Nederlandse s.s. WILHELMINA is na volbrachte reparatie uit het dok gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 27 augustus. De Nederlandse tjalk de GOEDE VERWACHTING, van Elmshorn (opm: noordwestelijk van Hamburg), is te Wells (opm: Wells-next-the-Sea) lek binnengelopen, na aan de grond te hebben gezeten. De lading is gedeeltelijk beschadigd.


29 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 27 augustus. De tjalk de NIEUWE ZORG, schipper De Jong, geladen met steenkool, is heden in de Slenk aan de grond geraakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 28 augustus. De Nederlandse kof MARGARETHA, van Kiel naar Ruhrort, en de Nederlandse tjalk ONDERNEMING, van Hamburg naar Alson (opm: mogelijk Alnön, nabij Sundsvall), zijn wegens stormweer hier binnengelopen en op de rede geankerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 28 augustus. Het stoomschip SOLO RIVIER III heeft hedenochtend in de Nieuwe Waterweg proefgestoomd en keerde naar Maassluis terug.


30 augustus 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 29 augustus. De bark GEORGE WASHINGTON, kapitein Visser, is met assistentie van een Svitzer steamer vlot. Het heeft geringe schade en heeft de reis voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 augustus. Op de werf der heren Huygens en van Gelder alhier is de kiel gelegd voor een nieuw zeilschip, dat de naam EUROPA zal ontvangen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 27 augustus. Het Nederlandse barkschip GEORGE WASHINGTON, van Shields naar Kroonstadt (opm: Kronjstadt), ligt volgens bericht van Drägor bij de banken aan het Zuidereind van Amager ten anker en seint om hulp van een sleepboot.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 augustus. Het Amerikaanse schip GOVERNOR GOODWIN, dat op Prinseneiland is gestrand, begint op te breken. Twee der opvarenden zijn verdronken.


01 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 31 augustus. De sleepboten OCEAAN en OOSTZEE arriveerden gisteren namiddag 4 uur met het Portugees droogdok behouden te Lissabon om te bunkeren. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Kopenhagen, 28 augustus. De Nederlandse bark GEORGE WASHINGTON werd door de bergingsstomer KASTRUP van de ondiepten bij Amager tot voorbij Stevens gesleept. Om bij het lichten van de ankers behulpzaam te zijn werden 4 man van Drägor aangenomen. De bark heeft een steng verloren en bekwam schade aan de marszeilen en het grootzeil.


03 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dover, 29 augustus. Van de lading van het gezonken Nederlandse s.s. CASTOR zijn wederom 59 olievaten geborgen en hier geland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 31 augustus. De lading van de hier lek binnengekomen tjalk SCHOUWEN, is vermoedelijk onbeschadigd, doch zal gelost moeten worden om het schip te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 2 september. Bij het bergen der lading uit de STANLEY, tracht men allereerst de katoen meester te worden. In de zomermaanden werd wekelijks aan arbeidsloon en scheepsvracht gemiddeld NLG 1200 uitbetaald.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 31 augustus. De Nederlandse tjalk SCHOUWEN, kapt. K.A. Buitkamp, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Moss, is lek te Frederikshavn binnengelopen.


 SCC - Schager Courant

Advertentie. Openbare verkoping van eiken- en grenen scheepshout, op dinsdag 8 september 1896, 's morgens ten 10 ure aan de Sint Maartensvlotbrug, gemeente Zijpe, zoals 10 dekbalken, lang 7 meter, zwaar 28 bij 28 cm; 8 lijfhoutbalken, lang 8 meter, zwaar 28 bij 28 cm; 8 lichte balken, lang 8 à 10 meter, zwaar 15 bij 15 cm; 100 buiten- en binnen-huidplanken, lang 8 à 10 meter, zwaar 8 bij 24 en 7 bij 24 cm; een grote hoeveelheid krommers en brandhout en hetgeen meer te koop zal worden aangeboden. Alles gunstig gelegen aan het Noord-Hollands Kanaal en de Grintweg en afkomstig van het aldaar gesloopt wordende schip GREEDO.
Nadere informaties te bekomen bij de heren P. Breed & Co te Zijpe en bij J. van der Maaten, deurwaarder te Schagen.


04 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Tonningen (opm: Tönning), 30 augustus. De Nederlandse tjalk LINA LOUISE, kapt. R. Ewegen, met tarwe naar Kalmar (opm: waarschijnlijk wordt hier Kollmar a/d Elbe bedoeld) bestemd is de 27e dezer bij vertrek uit Schulperzijl (opm: Schülpenersiel, Eidermonding) aan de grond geraakt en is, hoewel een deel der lading door een ander vaartuig werd overgenomen, nog niet vlot gekomen. De tjalk zit niet gevaarlijk, zal echter nog meer moeten lichten of op een hogere waterstand moeten wachten. (opm: zie NRC 050996)


05 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tonningen (opm: Tönning), 1 september. De in de monding van Schulperziel (opm: Schülpenersiel, Eidermonding) aan de grond gevaren Nederlandse tjalk LINA LOUISE is, na gelicht te hebben, vlot gekomen. De geloste lading werd weder ingenomen en de reis naar Colmar (opm: waarschijnlijk is het schip onderweg naar Kollmar a/d Elbe) voortgezet. Schip en lading zijn onbeschadigd.


06 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 september. Het voor rekening van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij nieuw gebouwde en op 28 juli jongstleden te Katendrecht te water gelaten stoomschip POMONA, heeft bij de dezer dagen gehouden proeftocht in de Nieuwe Waterweg uitstekend voldaan. Het is heden van Rotterdam naar hier vertrokken, en zal in de loop van de volgende week de eerste reis naar de Oostzee aanvaarden.


 SCC - Schager Courant

Advertentie. Laatste grote openbare verkoping van scheepshout en slopersgereedschappen te Burgervlotbrug, gemeente Zijpe, op woensdag 9 september 1896, 's morgens ten 10 ure precies, bestaande uit: 25 leggers, 14 bij 20 , lang 6 meter; 40 halve leggers met knieën, zwaar 12 bij 14, lang 2 tot 4 meter; 28 grenen luiken, breed 75, lang 3 meter; plus minus 60 planken, dik 4, breed 40 – 75, lang 6 – 13 meter, een partij licht timmerhout van de binnenbetimmering, 1 en 1 ¼ ; 1 Amerikaans grenen mast, lang 16 meter, zwaar 40 dm. diameter; 1 giek, lang 15 meter, zwaar 15 dm. Voorts : een grote partij brandhout, 1 Noorse vlet met 1 riem en hetgeen meer zal worden aangeboden. Alles best eikenhout, recht en gaaf. Alles afkomstig van het Duitse aakschip TEVREDENHEID. Eindelijk 2 grote kajuiten of magazijnen, zeer geschikt voor bergplaatsen, en een complete collectie slopersgereed- schappen, waaronder dommekrachten, manillatros, ankers en kettingen, enz., enz.
Nadere informaties te bekomen bij C. Constant, aan de sloperij te Burgervlotbrug, bij de firma Muijs, Wagenaar & Co en J.G. Klein, deurwaarder te Alkmaar. Zie verder biljetten!


08 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 6 september. Geborgen lading. Het op Simonszand tussen Borkum en Schiermonnikoog ondersteboven liggend schip, dat met pitch pine balken geladen was, is nu gelost. Men heeft de bodem van het schip met dynamiet moeten stuk slaan, om de lading te bemachtigen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 6 september. Het werken op de wrakdelen van de STANLEY gaat met steeds grotere bezwaren gepaard. In de afgelopen week kreeg men schade aan boten en schuiten, één der laatste werd zelfs op een zandplaat in de branding geworpen, en liep enige ogenblikken groot gevaar. Een man werd overboord geslingerd, doch bleef gelukkig behouden. Geen 100 balen van de lading konden in die week geborgen worden.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Bij de gehouden proeftocht van het stoomschip POMONA van de Kon. Ned. Stoomboot Mij. te Amsterdam, gebouwd bij de heren Rijkee & Co, hebben voor verschillende autoriteiten proeven plaats gehad met de reddingboten, voorzien van het systeem C.J.F. de Vos. De reddingboten werden gemiddeld in 14 seconden buiten boord gebracht en het systeem-De Vos droeg de goedkeuring weg van allen, die zich aan boord bevonden.
De heer De Vos te Rotterdam ontving de order van de Harwichlijn, om de acht reddingboten van het nieuw te bouwen stoomschip DRESDEN van zijn patent te voorzien.


09 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 7 september. De Texelse loodskotter No. 10, schipper De Vrij, is heden met gebroken kluiverboom alhier binnengekomen, zijnde bij het overgeven van een loods in aanvaring geweest met het Engelse schip STANLEY FOREE.


10 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 september. Aan boord van het stoomschip SPAARNDAM van de Nederlandse Amerikaanse Stoomvaart Maatschappij van New York naar Rotterdam, dat gisteravond Lizard passeerde, werd geseind dat aan boord van het genoemde stoomschip op zee opgenomen was de gehele bemanning van het barkschip PERFECTION, dat door brand werd vernield. Het Engelse barkschip PERFECTION, kapitein Loomer, te Parrsborough (Nova Scotia) thuis behorend, vertrok op15 augustus j.l. van Quebec naar Rio de Janeiro.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Almeria, 05 september. Het geborgen lood en de voor Londen bestemde lading ex steamer WILHELMINA is verscheept per stoomschip MORATIN, dat heden vertrok.


11 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 10 september. De sleepboten met het Portugese droogdok zijn gistermiddag 12 uur te Las Palmas binnengelopen om te bunkeren.


12 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 10 september. Naar men verneemt ligt het in de bedoeling der Hull Netherlands Steamship Comp. Ltd enige harer tussen Hull en Harlingen varende schepen onder Nederlandse vlag te brengen en met Nederlanders te bemannen.


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Rotterdam, 10 september. Vanmorgen half vijf kwam de SPAARNDAM van de Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij aan de Wilhelminakade voor de wal. Ze had aan boord de bemanning van de PERFECTION, een Engelse barkentijn, die in volle zee in brand gevlogen was. Het rapport van de kapitein luidde: Namen de 2e september ’s nachts te 3 uur op 44º42’ N.B. en 51º51’ W.L, tijdens een korte moeilijke zee, uit twee sloepen de kapitein, de stuurman en negen man aanboord; volgens hun rapport de gehele equipage uitmakende van de Engelse barquintine PERFECTION van Parrsboro (Nova Scotia), welk schip zij de 30e augustus op de reis van Quebec naar Rio de Janeiro op 43º37’ N.B. en 50º22’ W.L. in brand staande, hadden verlaten. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 september. Het stoomschip PRINS WILLEM II, kapitein G. D. Nieman, heeft de reis van Suriname naar Amsterdam volbracht in rond 18 dagen, waarvan het stoomschip 38 uren te Le Havre is geweest om passagiers te debarkeren en tot lossen en laden van koopmansgoederen. Dit is de snelste reis zolang de Koninklijke West-Indische Maildienst bestaat.


15 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 12 september. Het Nederlandse schoenerschip AFIENA, kapt. Bakker, van Papenburg naar Frederiksvaerk, is te Elseneur (opm: Helsingör) binnengesleept na nabij Anholt aan de grond te hebben gezeten (opm: zie PGC 160996). Duikers zijn aangenomen om de bodem van het schip te onderzoeken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Tessel, 14 september. STANLEY. De bergers der lading werkten in de afgelopen week niet onfortuinlijk. Er werden toen 350 balen jute geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Frederikshavn, 10 september. De Nederlandse tjalk SCHOUWEN, schipper Buitkamp, op 31 augustus hier met averij binnengelopen, heeft na het beëindigen der reparaties de lading weer ingenomen en de reis naar Moss voortgezet.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 11 september. Het bergingsvaartuig INVICTA van de Whitstable Salvage Co arriveerde hier met 33 vaten olijfolie, geborgen uit het wrak van het Nederlandse stoomschip CASTOR.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 10 september. Vrijdag 11 september n.m. is het Portugese Droogdok van Las Palmas vertrokken.


16 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 12 september. Het Nederlandse schip AFIENA werd door het bergingsvaartuig s.s. DROGDEN alhier met schade binnengesleept (opm: zie PGC 150996). Kapitein Bakker is op reis van Anholt naar hier overleden.


17 september 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

De Semarangsche Courant van 10 augustus meldt het volgende omtrent het verbranden van het Nederlandse barkschip NOACH V, gezagvoerder R.H. Vil.
De welbekende bark NOACH V van de Rotterdamse rederij der heren De Koning & Van Delden, had te Cheribon (opm: Cirebon) cokes enzovoort gelost en ondernam de 1ste augustus de reis van Cheribon naar Pekalongan, alwaar het restje van de lading, bestaande uit steenkolen, cokes, salpeter en ijzer, gelost moest worden. Door tegenwind duurde dat kustreisje vrij lang. Zondag 2 augustus had de NOACH V, halfweg Cheribon en Pekalongan, onder de kust het anker geworpen, teneinde daar het aanstaande ochtendbriesje af te wachten. Tussen 5 en 6 uur ’s middags waren enige matrozen aan het lenspompen en bespeurden toen gasdampen, die uit een openstaand luik opstegen. Ze gaven hiervan onverwijld kennis aan de stuurman der wacht, die dit de gezagvoerder rapporteerde. De gezagvoerder deed alle luiken zo hermetisch mogelijk sluiten, ja zelfs de kettingkokers werden met hennep dichtgestopt. Maandagochtend 3 augustus, juist toen men weder onder zeil wilde gaan, bespeurde de gezagvoerder rook in de kajuit en belegde toen een soort scheepsraad, waarin besloten werd de afsluiting van de lading met de buitenlucht zo zorgvuldig mogelijk te bestendigen en daarna onder zeil te gaan. ’s Avonds tegen 6 uur ging de NOACH V weer voor anker en kon men de vuren van Pekalongan reeds zien. Een uur na middernacht, dinsdag 4 augustus, vlogen met een hevige slag plotseling de dichtgesjorde luiken open en zag men uit het grote luik een vlam opstijgen, hoger dan de grote mast van de NOACH V. In de kajuit vlogen de deuren open en slingerden de kussens van de banken. De vlammen namen in hevigheid toe en indien de zee niet zo kalm geweest ware, zou de equipage in een gevaarlijk parket verkeerd hebben. Twee van de drie aanwezige sloepen waren intussen gestreken, maar bleken allesbehalve zeewaardig te zijn; ze lekten als een mandje en moesten door hozen boven water gehouden worden. Eén sloep kon zelfs door hozen niet blijven drijven …. en verdween in de diepte. De gezagvoerder, de tweede stuurman en de zeilmaker begaven zich in de gestreken sloep, waarin de lichtmatroos J. Koning zat, met de vierlijn in zijn handen. Mag men de door zeven man der equipage afgelegde getuigenis geloven, dan had de gezagvoerder het voornemen al aanstonds met de sloep waarin hij zat, het schip te verlaten, uit vrees voor een nadere ontploffing. Over de aan boord aanwezige equipage scheen hij zich in het geheel niet te bekommeren. De lichtmatroos J. Koning weigerde echter het bevel van de gezagvoerder, om de vierlijn los te laten, op te volgen, Koning zeide: “neen kapitein dat kan ik niet doen, want wie weet of er geen doden of gewonden onder de equipage zijn, die hulp nodig hebben”. Hij riep verder zo hard hij kon de aan boord achtergeblevenen toe, die de gezagvoerder noodzaakten weer aan boord te komen. Nu werden noodsignalen gegeven, de klokken geluid, enz. Een stoomschip dat oost opstoomde en de noodsignalen zo al niet gehoord, dan toch zeker gezien moet hebben, verleende echter geen assistentie en stoomde door. Brandblusmiddelen waren niet aan boord en met het strijken van de grote sloep, die op het voordek stond, ondervond de bemanning bijna onoverkomelijke hinderpalen, omdat er (het klinkt bijna ongelofelijk) geen voldoende trossen voor waren. Toen eindelijk die life-boat (sic) gestreken was, bleek zij ook zo hevig te lekken, dat geen hozen hielp. De life-boat zonk. “Dat had ik wel gedacht”, zei de timmerman van de NOACH V, want toen de rederij de wegens ouderdom versleten reddingboot van het loodswezen te Vlissingen kocht en ik de aanmerking maakte dat die boot niets meer waard was ingeval van nood, kreeg ik tot antwoord: “Die boot is goed genoeg voor de NOACH V”. Daar zat men nu op een brandend schip met 20 man en één kleine boot (vlet), daar de twee andere wegens onzeewaardigheid gezonken waren. Toen het dinsdag 4 augustus begon te dagen, bespeurde men in de nabijheid een schoener, de VENUS, wier Chinese bemanning de noodsignalen had waargenomen en daarheen koers zette. Bij gedeelten ging de equipage van de NOACH V naar de VENUS over. Nu was de gezagvoerder de laatste, die het brandende schip verliet. Niet lang nadat men op de VENUS was overgegaan, zonk de brandende NOACH V, onder de ogen van haar bemanning.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 september. Inschrijving Portugese kruisers. Ingezonden brief aan de heer hoofdredacteur der Nieuwe Rotterdamsche Courant.
De agent van de firma Cramp, scheepsbouwmeesters te Philadelphia, de heer A. Tromp alhier, schrijft in de Telegraaf van 14 dezer, dat hij aan de Lissabonse correspondent van dat blad de mededelingen verstrekte, vervat in het door mij gewraakte artikel en tracht die verder te rechtvaardigen. In de Kölnische Zeitung van 8 september vindt men cijfers, die volkomen overeenkomen met de aan ons verstrekte. Men vindt daar onder meer, dat Schichau (opm: naam van een Duitse werf) voor deze kruisers inschreef voor GBP 128000 en dat een Engelse firma het laagste bleef voor GBP 88000. Dit tot staving van mijn beweren, dat de voorstelling, als zouden de buitenlandse inschrijvers ongeveer gelijk zijn, onjuist is en dat mitsdien de medegedeelde cijfers kant noch wal raken. De heer T. geeft nu te kennen, dat hij ze verzweeg, omdat deze twee firma’s toch niet in aanmerking komen, met andere woorden, dat Schichau en de Thames Iron Works zich de moeite en de kosten van een dergelijk project getroosten om dan offerten te maken, waarvan de heer T. terstond kan verklaren, dat die niet in aanmerking komen. Het is mij wel. Wanneer de heer T. nu nog verder gaat en cijfers mededeelt betreffende ons ontwerp, dan moet ik hem weder op verkeerde voorstellingen wijzen. Fijenoord bood niet aan kruisers van 1800 ton waterverplaatsing en 15 mijl snelheid. Zowel de waterverplaatsing als de snelheid van ons ontwerp zijn aanzienlijk groter. De redenen die tot dit grotere ontwerp voerden, zijn in onze aanbieding uitvoerig uiteengezet, doch zullen hier niet worden medegedeeld. Wanneer nog iets nodig ware om het onvruchtbare van dergelijke vergelijkingen van eindcijfers in het licht te stellen, dan behoef ik slechts te wijzen op de inschrijving naar het derde perceel dezer aanbesteding, waarbij de firma, die door de heer T. wordt gerepresenteerd, bijna drie maal hoger in prijs is dan de laagste inschrijver.
UEd. dw. dienaar, D. Croll
(opm: zie ook NRC 250996)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 16 september. STANLEY. Heden heeft de verkoop plaats gehad van plus-minus 1500 balen jute en 65 balen katoen. De verkoop geschiedde per gewicht.


18 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 september. Het uitgaande stoomschip HELÈNE is gisteren bij Delfshaven in aanvaring geweest met de Nederlandse schoener QUINTUS. De HELÈNE kreeg schade aan tuig en verschansing, en de QUINTUS verloor de boegspriet en leed nog meer schade.


19 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 14 september. Duikers die het Nederlandse schip (opm: schoenerbrik) AFIENA hebben onderzocht, rapporteren dat de bodem zwaar beschadigd is en de spiegel en de achtersteven ontzet zijn. Of het schip zal repareren is nog niet met zekerheid te zeggen. Bergers vragen 1/4 der waarde (opm: NRC 180996 spreekt zelfs van 1/3e) van schip en lading. (opm: zie PGC 150996, 280996 en 101096)


20 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 september. Het Belgische schip PRINCE BADOUIN, bestemd naar Spanje en het Engelse stoomschip CARDINAL, bestemd naar Cardiff, zitten bij Bath aan de grond. Het is mistig weer.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hansweert, 18 september. De PRINCE BADOUIN, en de CARDINAL zijn heden zonder hulp vlot gekomen en hebben de reis voortgezet.


21 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 18 september. Inzake de aanvaring van het s.s. P. CALAND met de Nederlandse bark THORBECKE II op 21 december 1889 in het Noordzeekanaal, is heden door het gerechtshof alhier uitspraak gedaan en werd het vonnis van de rechtbank bevestigd en de P. CALAND als alleen schuldige verklaard.


22 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 19 september. Het Nederlandse schoenerschip CERES, kapt. Visser, van Hernösand naar Delfzijl bestemd, is zwaar lek te Cuxhaven aangekomen en wordt naar hier gesleept.


23 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 19 september. De gezagvoerder van het stoomschip ALBERTVILLE, hier van de Congo aangekomen, rapporteert dat bij het vertrek van Matadi een der scheepsboten waarin zich 7 stokers bevonden, omsloeg, waarvan 3 zijn verdronken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 21 september. De Nederlandse schoener (opm: brik) MARIA, kapt. J.E. Ketelaar, is in aanvaring geweest met het s.s. CRAIGLANDS. De MARIA werd Helsingfors (opm: Helsinki) binnengesleept. De GRAIGLANDS heeft een schade die op GBP 680 begroot wordt. (opm: zie PGC 011096 en AT 250996 en 051196)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 21 september. Het schip JOHANNES, kapt. Gewald, van Wisbech met lijnkoeken, is met schade alhier binnengelopen.


24 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 21 september. Gistermiddag arriveerde hier het te Dundee bij de Gourlay Bros & Co te Glasgow gebouwde s.s. ROTTERDAM (opm: Engelse vlag). Het is bestemd voor de geregelde vaart tussen hier en Grangemouth.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Norrköping, 19 september. De bark STAD STEENWIJK, kapt. P. Bos, is gisteravond tijdens mist, tussen Arkö en Härdoskär aan de grond geraakt, doch zit niet gevaarlijk.
De stoomboot ISBJÖRN is ter assistentie vertrokken en in de loop van de dag zullen ook lichters derwaarts worden gezonden. Na te hebben gelicht hoopt men het schip vlot te kunnen brengen. (opm: zie PGC 280996 en 191096)


25 september 1896


  AT - Abo Tidning

Helsingfors, 22 september. De aanvaring tussen de Nederlandse brik MARIA en het Engelse stoomschip CRAIGLAND vond in de nacht van de 17e van deze maand om half één plaats toen de MARIA met een voor haar gunstige wind vanuit het westen voer, terwijl de CRAIGLAND een westelijke koers voorlag en zodoende met de MARIA in aanvaring kon komen. Het was mooi weer en de navigatielampen waren op beide schepen aan. Volgens de kapitein van de MARIA ging de CRAIGLAND zo onzorgvuldig dichtbij langs de MARIA, dat de boeg van de CRAIGLAND het achterschip van de MARIA ramde. De reling en een gedeelte van de verschansing van de MARIA verbrijzelde, de stuurinrichting raakte beschadigd, tevens brak de gaffel van het grootzeil.
De spiegel van MARIA kreeg een dergelijke zware stoot, dat het scheepsverband loskwam en het schip begon te lekken. De CRAIGLAND stopte om assistentie aan de MARIA te verlenen en haar tevens op zaterdag hierheen te slepen.
Uit inspectie van de schade bleek dat de MARIA een geschatte schade heeft van 17.410 mark, aangezien het vaartuig van eiken is gebouwd, en het gehele achtergedeelte, zowel de spanten als het boord vernield zijn en dit vernieuwd zal moeten worden teneinde er weer een solide geheel van te maken. De kapitein zelf waardeert het hele schip op slechts 8.000 mark . De MARIA is bij een Nederlandse maatschappij verzekerd en moet waarschijnlijk als niet meer zeewaardig worden afgekeurd.
(opm: vertaald uit het Zweeds)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 24 september. Een barkschip, vermoedelijk Noors, is in de Noordergronden gestrand. De lading battings drijft langs de kust. De sleepboot is met de reddingsboot derwaarts vertrokken.
Later bericht: De gestrande bark is de Finse bark UMAN, kapitein Hakland, van Lovisa (opm: Loviisa), met hout naar Amsterdam. Het schip is reeds verbrijzeld. De gehele equipage, bestaand uit 12 man, benevens de vrouw van de kapitein, is door de reddingboot gered en hier binnengebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 september. Inschrijving Portugese kruisers. Ingezonden brief aan de heer hoofdredacteur der Nieuwe Rotterdamsche Courant.
In het tweede blad van 17 j.l. zeide de heer Croll, dat Fijenoord niet aanbood kruisers van 1800 ton waterverplaatsing en 15 mijl snelheid. Woordelijk zegt hij daarna: “zowel de waterverplaatsing als de snelheid van ons ontwerp zijn aanzienlijk groter.”
Na de pertinente verklaring van de heer Croll betreffende zijn plan van een aanzienlijk groter en sneller schip, een verklaring zo in lijnrechte strijd met het door de secretaris der Admiraliteit vermeld cijfer, achtte ik het nodig mij hieromtrent te vergewissen. Ik vond dan, dat de pertinente verklaring van de heer Croll geheel bezijden de waarheid is, want dat Fijenoord inschreef voor hetgeen gevraagd werd (1800 ton en 15 mijl). Wil de heer Croll nu nog beweren, dat ik onjuist ben ingelicht, dan gelieve hij zich te wenden tot hem van wie deze inlichting afkomstig is, nl. tot de president van het technisch comité, in wiens handen de offertes berusten. En hiermede stap ik ook mijnerzijds onder dankbetuiging voor de verleende plaatsruimte, van het onderwerp af.
UEd. dw. dienaar, D. Croll
(opm: polemiek over Portugese kruisers sterk bekort, zie ook NRC 170996; opgenomen vanwege curiositeits-gehalte)


26 september 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

De gezagvoerder T.H. Bakker, van het Nederlandse schoener-brikschip MINA, die in de ouderdom van 60 jaren is overleden, had gedurende 48 jaren gevaren en in die tijd 14 maal schipbreuk geleden. In twee maal 24 uur leed hij drie maal schipbreuk, n.l. het schip van zijn vader, waarbij hij als 12-jarige jongen aan boord was, zonk op de Engelse kust; een stoomschip redde hen, maar werd bij Westkapelle zodanig aangevaren door een bark, dat allen op de bark overgingen, welke des nachts in het Goereesche Gat strandde, waarbij een reddingboot hen van boord haalde. De overledene had daarom de naam van ‘Tijs ongeluk’, en veel schepelingen wilden niet aanmonsteren, als zij wisten dat Tijs meeging.


27 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hollum, 24 september. Het gestrande stoomschip HUGO is lek en zal vermoedelijk verloren zijn.


 JDF - Journal de Fécamp

Een stoomboot voor Saint-Pierre-en-Port gezonken
Op het tijdstip dat deze pagina wordt gezet bereikt ons het nieuws van een scheepsramp.
Hedenochtend om 11 uur is het Engelse stoomschip NIÉMAN (opm: K.A. NIEMANN, onder deze naam gebouwd Rotterdam 1884, in 1892 naar Goole verkocht, zie ook JDF 290996), geladen met steenkolen en onderweg van Newcastle naar Courseuilles, op ongeveer 8 mijl ten noorden van Fécamp, tegenover Saint-Pierre-en-Port, gezonken.
De NIÉMAN was deze morgen opgemerkt door verscheidene personen, waaronder de heer Pigouchet van de zeepolitie. Het schip bleek in nood te zijn en zond signalen uit. Het werd begeleid door de viskotter EVOLUTION van dezelfde nationaliteit, die, op het moment dat het schip zonk, de bemanning, bestaande uit tien personen, heeft opgepikt.
De drenkelingen zijn hedenmiddag in Fécamp ontscheept en onmiddellijk naar het Engelse consulaat gebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hansweert, 25 september. Het stoomschip AMSTERDAM II, met stormweer in het Stoombootvleitje omhoog gevaren, werd vlot gebracht en te Wemeldinge binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 24 september. Het stoomschip ALLEN is op de Schelde met de tjalk VERONICA HENDRIKA in aanvaring geweest; deze die met stenen beladen was kreeg zoveel schade, dat zij onmiddellijk moest worden gelost om zinken te voorkomen.


28 september 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 23 september. Het barkschip ANNA MARGARETHA, kapt. Wiersma, van Sunderland naar Kroonstad (opm: Kronjstadt), is lek te Kopenhagen binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 25 september. De Nederlandse schoener HERMANNA, kapt. Veldman, van Drammen naar Papenburg, is vol water, op de lading drijvende te Risör aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Norrköping, 21 september. De bark STAD STEENWIJK, kapt. P. Bos, met cokes van Emden naar hier bestemd die bij Arko aan de grond is gelopen (opm: zie PGC 240996), is na een deel der lading in lichters te hebben gelost door het s.s. THOR vlot en tegelijk met de geladen lichters naar hier gesleept. Het schip is tamelijk lek, doch kan men het indringende water met de pomp meester blijven, zodat de lading niet geleden heeft.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Elseneur, 23 september. Het Nederlandse schip AFIENA, met schade alhier binnengebracht (opm: zie PGC 190996), is heden, gesleept door het bergingsstoomschip ORESUND van hier naar de bestemming Frederiksvaerk vertrokken alwaar de lading zal worden gelost.


29 september 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 28 september. Het Portugese Droogdok is zaterdag 26 september behouden te Sierra Leone aangekomen om te bunkeren.


 JDF - Journal de Fécamp

Het vergaan van de NIÉMAN
De drenkelingen van het stoomschip NIÉMAN (opm: K.A. NIEMANN, zie JDF 270996), waarvan we in ons laatste nummer het vergaan hebben gemeld, zijn j.l. zondag naar Engeland gerepatrieerd door de zorgen van de heer M.A. Constantin, vice-consul van Engeland.
Het is vrijdagavond, tegen tien uur, door een plotselinge windvlaag dat de NIÉMAN plotseling onbestuurbaar werd, gevolgd door een geweldige golf. Meteen had de kapitein alle boten laten strijken tot de sloep EVOLUTION zich aan de kapitein beschikbaar stelde.
De vissersschepen uit Fécamp hadden tenslotte de kritieke situatie van de NIÉMAN gezien, en het is door een van hen, de ÉTOILE-DE-LA-MER, dat het nieuws van het vergaan het eerst in onze plaats bekend geworden is.
Jongstleden zondag namen de drenkelingen om 11.11 uur plaats in de trein om naar Le Havre te vertrekken, van waar zij met een paketboot naar Newcastle zijn gerepatrieerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 26 september. De heden alhier aangekomen loodskotter EEMS No. 2, schipper De Vries, heeft van woensdag- op donderdagnacht (opm: 23-24 september) een stortzee overgekregen, die kompashuis, kompas en kurken reddingboei deed overboord gaan en meer schade aan dek veroorzaakte. Na van het nodige te zijn voorzien, is de kotter hedenavond weer naar zijn kruispunt (opm: kruisstation) vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingfors (opm: Helsinki), 21 september. Het stoomschip CRAIGLANDS, dat hier het Nederlandse schip MARIE met belangrijke schade binnensleepte, heeft voor zover bekend, geen schade geleden door de aanvaring en heeft de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kopenhagen, 23 september. Het Nederlandse schip ANNA MARGARETHA, kapt. Wiersma, van Sunderland met cokes naar Kroonstad (opm: Kronjstadt) bestemd hier lek binnengesleept, zal de lading lossen om te repareren. De bemanning weigert met het lekke schip de reis voort te zetten. (opm: zie PGC 051196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 27 september. Er zijn hier aangekomen 2 schuiten met touwwerk en enige inventaris van het gestrande Spaanse stoomschip HUGO.


30 september 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Scheepstimmerwerf uit de hand te huur, thans in gebruik bij Gebr. v.d. Kolk. Aanvaarding 1 Januari 1897. Te bevragen bij P. Westerhuis, Eestraat no. 5, Leeuwarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Van het nieuwe stoomschip PRINS WILLEM V dat door de Koninklijke West-Indische Maildienst in aanbouw werd gegeven aan de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij alhier, zal ongeveer medio oktober de kiel worden gelegd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 29 september. Het Portugese droogdok is heden van Sierra Leone vertrokken naar St. Paul de Loanda (opm: Luanda, Angola).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 28 september. Zeilen, trossen en verdere inventaris van het bij paal 29 gestrande stoomschip HUGO, zijn hier aangebracht en geborgen. Genoemd stoomschip is door de Bergings Maatschappij, directeur de heer A.D. Zurmühlen, aangenomen om afgebracht te worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Volgens rapport personeel Nederlandse Berging Maatschappij is het schip HUGO tot de grote mast droog en staat bij het achterschip 15 voet water.


01 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hamburg, 29 september. Het Nederlandse stoomschip PRINSES ELISABETH, dat gecharterd werd voor de vaart op Helgoland gedurende deze zomer, heeft voor dit seizoen de dienst gestaakt en zal morgen naar Vlissingen vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Alblasserdam, 29 september. Volgens ontvangen telegrafisch bericht vertrokken de sleepboten OCEAAN en OOSTZEE met het Portugese droogdok heden van Sierra Leone naar St. Paul de Loando (opm: Luanda, Angola).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helsingfors (opm: Helsinki), 24 september. De Nederlandse brik MARIA, kapt. J.E. Ketelaar, werd door experts onderzocht (opm: zie NRC 230996). De romp werd voor waardeloos verklaard, het tuig daarentegen, dat zich in goede staat bevindt, op 8500 Finse marken geschat. Daar de reparatiekosten op 17500 Finse mark worden geschat, zal het schip vermoedelijk afgekeurd en hier voor rekening der Nederlandse assuradeuren verkocht worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 27 september. De tjalk, die l.l. donderdag (opm: 24 september) bij Meyers Ledge (opm: Meyers Legde [oude toren op het Süd-Eversand]) met de noodvlag op ten anker lag en waarvan de bemanning met eigen boot het schip verlaten heeft, is gebleken te zijn een Nederlandse tjalk (opm: VRACHTZOEKER, zie PGC 051096), gevoerd door kapt. P.A. Groenewoud, die met zijn bemanning bij Paddingbuttel (opm: Padingbüttel) geland is. De kapitein verzocht gisteren per draad aan de Nederlandse consul alhier de van de tjalk aangedreven goederen in beslag te laten nemen. (opm: zie NRC 031096)
Te Wremertief (opm: 6’ Z.Z.O. van Meyers Legde) is een naambord aangedreven met de naam P.A. Groenewoud, van Groningen, 84 ton.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen. Een met hout geladen stoomschip zit waarschijnlijk op de Rassen aan de grond, sleepboten vertrekken derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 27 augustus. Het Amerikaanse schip GOVERNOR GOODWIN van New York naar Chefoo, dat op Prinseneiland strandde, zit tussen de klippen en is totaal verloren, de gezagvoerder vertrekt naar hier teneinde bergingsmaatregelen te beramen. Twee stuurlieden en 9 man zijn bij het schip gebleven. Morgen zullen schip en lading in publieke veiling te koop worden aangeboden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stadskanaal, 28 september. De Nederlandse schoenerbrik AFIENA is van Elseneur (opm: Helsingör), gesleept door de stomer ÖRESUND en met pompers aan boord, te Frederiksvaerk aangekomen, alwaar het schip zal lossen om expertise te ondergaan. Het schip maakt zeer veel water, zowel boven als onder de waterlijn is het zwaar beschadigd.


02 oktober 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop voor 65 gulden: een roefscheepje, 16 ton, met mast en gewicht, aan de werf bij H. Douma te Wartena.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best nieuw schip, 21 ton; een halfsleten dito, 28 ton; een praam met luiken, 14 ton, bij O.H. v.d. Werff, Buitenvallaat bij Dragten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 30 september. Volgens telegram van Lloyd’s is het wrak van de Nederlandse tjalk .... (opm: onleesbaar) van Groningen, beladen met hout, naar Hamburg gesleept.
Tweede dépêche: De naam van de tjalk is AURORA, kapt. G.W. de Groot (opm: PGC 051096 verbetert dat in R. Sleur), van Memel (opm: Klaipeda) naar Papenburg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Cuxhaven, 30 september. De hier binnengesleepte gekenterde Nederlandse tjalk AURORA, beladen met hout, is opgericht en hedenmiddag door de sleepboot CENTAUR naar Hamburg opgesleept. (opm: zie volgend bericht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rysoer, 26 september. De Nederlandse schoener HERMANNA, van Drammen naar Papenburg bestemd, hier vol water binnengelopen, is heden onderzocht. De lading hout zal worden gelost voor een onderzoek.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 1 september. Het wrak van de GOVERNOR GOODWIN, met 50500 kisten petroleum aan boord, werd heden in veiling voor NLG 28000 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 1 oktober. STANLEY. De opbrengst der op 16 oktober verkochte partij jute en katoen is NLG 25009,22. De 1775 balen jute hebben NLG 23034,22 en de 65 balen katoen NLG 1975 opgebracht.


03 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Leeuwarden, 1 oktober. Het op 28 september op de Makkumerwaard gezonken tjalkschip HENDRIKA, schipper Piebes, geladen met zout, van Amsterdam naar Harlingen bestemd, kan evenals de lading, als totaal verloren worden beschouwd. Noch de schipper, noch de assurantie maatschappij De Eendracht te Wildervank, waarbij het schip was verzekerd, wensen de aangedreven lading te reclameren. Deze zullen nu, met machtiging van Gedeputeerde Staten van Friesland in het openbaar worden verkocht.


04 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 03 oktober. Het wrak van de BUSY BEE in de Wielingen is opgeruimd, en de daarbij geplaatste luchtbrug is opgeruimd.


05 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 1 oktober. De Nederlandse tjalk ALBERDINA, kapt. H.R. Speelman, thans liggende te Schulperzijl (opm: Schülpersiel [tegenover Tönning]), is voor geheime prijs naar Duitsland verkocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 1 oktober. De Nieuwe Afrikaansche Handelsvennootschap heeft haar stoomschip KONINGIN WILHELMINA naar Engeland verkocht, in verband met het geregeld aandoen der haven van Rotterdam door de stoomschepen der Antwerpen-Congolijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 30 september. De Nederlandse tjalk AURORA, kapt. R. Sleur, van Memel (opm: Klaipeda) naar Papenburg, geladen met hout, is gekenterd alhier binnengebracht. Het schip werd echter weder opgericht en door de sleepboot CENTAUR naar Hamburg opgesleept. (Verbeterd bericht, red.) (opm: zie PGC 021096 en NRC 021096)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 1 oktober. Door het Seeamt alhier werd een onderzoek ingesteld naar het verongelukken van de te Groningen te huis behorende tjalk VRACHTZOEKER, kapt. P.A. Groenewoud, in de nacht van de 23e op de 24e september l.l, in de nabijheid van Meyers Legde (opm: zie PGC 011096). De tjalk vertrok de 22e september met een lading tarwe van Brake naar Emden en ankerde des avonds van die datum bij Eversand. Wegens de toenemende wind uit het Z.Z.W. werd de volgende morgen het tweede anker gepresenteerd. Het schip begon tegen de middag van de 23e te drijven en stootte kort daarop aan de grond (volgens de mening van de kapitein op een wrak) en werd lek. De 24e des voormiddags, stootte het schip door hoge zee zeer zwaar en daar het water in het schip steeds toenam, moest de kapitein met zijn vrouw en knecht het schip verlaten, die daarna met hun boot in Dorumer Neufeld zijn geland. De volgende dag ging de schipper met lichters naar boord en werd er nog enige natte tarwe geborgen. De tjalk sloeg kort daarna uit elkander. Het Seeamt sprak de schipper vrij van alle schuld aan het ongeluk.


06 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 3 oktober. Het Spaanse stoomschip HUGO, de 24e september l.l. op de Bosplaat bij Ameland gestrand, is na ledig gepompt te zijn, en nadat door de stoomschelpenzuiger NEPTUNUS een geul was gegraven, door de sleepboten HERCULES en NEPTUNUS van de Amsterdamsche Sleep- en Bergingsreederij, hedenmorgen vlot en naar de Vlierede gebracht, alwaar het thans geankerd ligt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 1 oktober. Het Nederlandse schoenerschip ALBATROS, kapt. Buisman, van Hamburg naar Porto Allegro, is naar Hamburg teruggekeerd met verlies van kluiverboom en boegspriet, zijnde in aanvaring geweest met een lichter.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Risoer, 26 september. Het Nederlandse schoenerschip HARMANNA, kapt. J.K. Veldman, is door experts onderzocht. Het dek is erg ontzet en de lading zal hier worden gelost, ten einde te repareren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 5 oktober. De TELEMACHUS, die zware schade aan de machine bekwam, lost zijn lading aan de Zuiderkaai.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 3 oktober. Het stoomschip TELEMACHUS is met assistentie van 5 sleepboten vlot gekomen, na plus minus 300 ton te hebben gelost. Het stoomschip is lek, doch de scheepspompen kunnen het binnendringende water verwijderen. Het schip is onder de machinekamer opgezet, het waterdicht schot bij de machinekamer is gebroken, de machine is buiten staat om dienst te doen. Het stoomschip moet gesleept worden van de plaats waar het nu ligt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 4 oktober. Uit de STANLEY haalden de duikers in de afgelopen week 42 balen katoen en enige balen jute op.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 2 september. De bemanning van de GOVERNOR GOODWIN is de 28ste augustus te Anjer aangekomen. Het schip was nog in zijn geheel, hoewel beschadigd, en het tuig was nog in orde, 2 boten waren stuk geslagen, doch de uit petroleum bestaande lading was nog aan boord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Ingezonden stukken. De aanhouding van de DOELWIJK roept in onze herinnering terug een enigszins gelijk geval, dat in het laatste van juni 1854, tijdens de Krim-oorlog plaats had. Het betrof het te Harlingen tehuis behorende kofschip JONGE ALBERT, kapitein J.A. van der Zee, dat met nog drie Nederlandse schepen bij Riga de blokkade van de Oostzee had geschonden. (opm: zie o.a. NRC 040754)
Alle vier schepen werden door een Engelse oorlogsstoomboot prijs gemaakt en zouden naar een Engelse haven worden overgebracht. De Nederlandse bemanning was op de schepen gelaten. Bij Schagen beliep het transport een storm, met het gevolg dat de JONGE ALBERT, bestemd naar Harlingen met een lading hout en hennep voor rekening van de heren Tromp Meesters te Steenwijk en Zeilmaker & Co te Harlingen, van het Engelse oorlogsschip losraakte. Kapitein Van der Zee bevond zich slechts met één matroos en een jongen van zijn equipage op het schip. Er viel voor hem daarom niet aan te denken om, nu vier gewapende Engelse zeesoldaten aan boord waren, met geweld het schip weder in vrijheid te krijgen. Er moest daarom een list worden gebruikt. De Engelsen waren niet of slechts weinig met het vaarwater bekend. Zonder dat deze het wisten te bemerken, veranderde kapitein Van der Zee van koers, en hij wist het vervolgens zo aan te leggen, dat zijn schip in de morgen van 30 juni de haven van Harlingen binnen liep. Men begrijpt hoe de Engelse zeesoldaten opzagen; zij hadden niet anders gemeend, of er was regelrecht koers naar Sheerness gezet. Spoedig werd nu de lading gelost en het schip naar de werf gebracht, daar het wegens lekkage moest worden gerepareerd. In geheel Nederland had men natuurlijk veel schik van de poets, die kapitein Van der Zee aan het machtige Albion had gespeeld, en in andere landen ging het evenzo. Het gebeurde deed de ronde door alle bladen van Europa.
Wie echter niet meelachten waren de Engelsen. Zij waren woedend, dat zo’n gewone koopvaardij-kapitein hun Koninklijke Marine had weten te verschalken. Zij wilden en moesten het schip terug hebben. De Engelse consul-generaal te Amsterdam kwam naar Harlingen, om schip en lading, op bevel zijner regering, op te eisen, en hij wist te bewerken, dat kapitein Van der Zee in de nacht van 3 op 4 juli werd in hechtenis genomen. Het was echter voor korte duur. Reeds de volgende dag werd hij weder ontslagen, nadat hij zijn erewoord had gegeven, de stad vooreerst niet te zullen verlaten.
Daar intussen de lading verkocht en op het schip door de crediteuren van kapitein Van der Zee conservatoir arrest gelegd was, was de Nederlandse regering natuurlijk geheel buiten machte, aan de eis van Engeland te voldoen. De zaak gaf aanleiding tot wisseling van onderscheidene nota’s tussen de regeringen van beide landen, doch zij kwam er niets verder door. Toen kwam Thorbecke in de Tweede Kamer met een interpellatie aan de regering. Met verlof van de vergadering richtte hij tot de minister van buitenlandse zaken (Van Hall) de volgende vraag: “Hoe is het gelegen met een Nederlands schip, dat opgebracht wordt in een van onze havens?”
Het antwoord van de minister was, dat het bedoelde geval zich onlangs met de JONGE ALBERT, kapitein Van der Zee, had voorgedaan. Het was echter een aanhangige kwestie, waarover tussen de Nederlandse en de Engelse regering onderhandelingen werden gevoerd. Hij achtte het alzo niet oirbaar (opm: betamelijk) om over dit punt op dit ogenblik in verdere ontwikkeling te treden.
Welke deze onderhandelingen waren? Het bleek spoedig, dat de minister Van Hall aan de Engelse regering het voorstel had gedaan, om de zaak door arbiters te doen beslissen, daar in het geval, zoals het zich had voorgedaan, door het volkenrecht niet bepaald was voorzien. Die regering wilde hiervan echter niets weten. Zij bleef bij haar eis en verklaarde zelfs, de andere drie naar Engeland overgebrachte, doch door de Admiraliteit reeds vrijgesproken schepen niet te zullen loslaten vóór de JONGE ALBERT naar Engeland zou zijn gebracht.
Het was toen, dat door de commissaris des konings Van Panhuys, op verzoek van de Nederlandse regering, officieus de hulp werd ingeroepen van de heer J. Foekens, zeehandelaar te Harlingen, thans te Arnhem. Het zou weldra blijken, dat dit niet te vergeefs was geschied. De heer Foekens moest natuurlijk met veel beleid en tact optreden. Hij mocht er echter ten laatste in slagen, de moeilijkheden uit de weg te ruimen. Om aan ‘de eer’ van Engeland te voldoen, zou het schip, nadat het daarop gelegde conservatoir arrest was opgeheven, aan de Engelse regering worden uitgeleverd. Natuurlijk zonder de lading, maar daarna zou dezelfde regering het schip weder vrij laten, zonder dat het in een proces was gewikkeld, daar zij, volgens de Engelse wet, het recht had om vóór de aanvang van een geding over de geldigheid der aanhouding van een schip een proces af te snijden.
En zo geschiedde het alles. De 13e augustus kwam een Engelse zee-officier, vergezeld van het nodige zeevolk, te Harlingen, om met de JONGE ALBERT naar Engeland te vertrekken. Omstreeks een maand later, de 12e september, werd het schip weder in vrijheid gesteld en de 21e september kwam het van Londen te Texel binnen. Hiermede was de zaak beëindigd. Het was ook tijd geworden, want er was ten langen laatste een hoogst gespannen verhouding tussen de Engelse en Nederlandse regering gekomen. Het woord ‘casus belli’ was zelfs reeds van Engelse zijde vernomen. Schrijver dezes herinnert zich al het gebeurde nog levendig. Door sommige werd alles geloofd, zelfs het dwaze gerucht, dat Engelse oorlogsschepen op weg waren of in gereedheid werden gebracht, om de haven van Harlingen en nog andere aan de Friese kust gelegen havens te blokkeren !
De Nederlandse regering was tenslotte wat blij, van de zaak af te zijn. Kapitein Van der Zee bleef nog lang hierna in het binnen- en in het buitenland de ‘held van de dag.’
Leeuwarden, 3 oktober 1896. (opm: geen naam van de schrijver vermeld)


07 oktober 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Voor weinig geld te koop aangeboden: een nieuw roefschip, groot plm. 16 ton, en een oude hektjalk, groot 56 ton. Dagelijks te bevragen bij J. Barkmeijer, Birdaard.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft ons uit Nieuwediep, d.d. 5 oktober:
In de nabijheid van de Helderse kust, te midden de kokende branding van de gevaarlijke Haaksgronden, is heden weder een kloeke redding volbracht.
’t Was tegen zonsondergang hedenavond, toen door de kustwacht van Kijkduin naar het Havenkantoor alhier per telefoon ’t bericht werd overgebracht dat in de Noordergronden een bom was gestrand en dat de opvarenden van het vaartuig door het afsteken van noodvuren de aandacht van de wal op zich zochten te vestigen. Aanhoudend bleven die noodseinen zichtbaar en geen wonder voorwaar: ’t was stormweer, het bommetje werd met kracht over de gronden heen gesleurd en zodanig gebeukt, dat de bemanning ieder ogenblik haar ondergang tegemoet kon zien. Wat zou met zulk noodweer en in de donkere avond de reddingboot kunnen uitrichten ? Dat vroeg menigeen hier zich af, toen het bericht van de stranding werd ontvangen. Anderen echter waren van oordeel dat ’t onverantwoord zou zijn, de arme schipbreukelingen aan hun lot over te laten en dat daarom in ieder geval beproefd moest worden hen te bereiken. ’t Advies van Rijkers werd ingewonnen; Rijkers is de schipper van de reddingboot. En wat men wel kon hebben voorzien gebeurde: Rijkers aarzelde geen ogenblik. ‘Wij moeten gaan”, zei hij, “en zien wat we er van terecht brengen.” En men ging dus; de reddingboot werd door een tiental beproefde zeelui bemand, met Rijkers aan het roer, en door de sleepboot HERCULES op sleeptouw genomen om naar de strandingsplaats te worden gebracht. ‘’t Is om verantwoord te zijn”, zeiden velen dergenen, die de boot zagen afsteken, in de stellige overtuiging dat de tocht toch wel vruchteloos zou zijn, bij zulk weer en in de donkere avond.
Aan boord van de bom bleef men maar steeds met vuur gooien, tot eindelijk de seinen vanuit de reddingboot konden worden beantwoord. Het gestrande vaartuig werd met ontzettende kracht heen en weer geslingerd en door de branding gebeukt, wat men uit de reddingboot duidelijk kon waarnemen, telkens wanneer de elkander snel opvolgende bliksemstralen de omgeving helder verlichtten. Die aanblik schonk de redders de overtuiging dat er spoedig gehandeld moest worden, daar er anders geen spaander van terecht zou komen. Maar ’t kostte moeite om er door te komen. Meermalen werd de boot teruggeslagen en als ’t ware onder de golven bedolven. ’t Moesten flinke kerels zijn geweest, die op de riemen zaten, om onder zulke omstandigheden niet terug te schrikken! Elkaar aanvurende tot meerdere krachtsinspanning, steeds weer, kwamen de redders nader en nader en eindelijk was de bom bereikt. ’t Noodgeschrei van de schipbreukelingen moet hartverscheurend zijn geweest.
“Ik heb er reeds menigeen helpen redden” verklaarde een der redders later “maar nooit heb ik ze zo horen schreeuwen als nu deze Scheveningers”. ’t Was het gekerm van met de dood worstelenden. Men kan zich dus de vreugde dezer mensen voorstellen, toen zij de hulp zo nabij zagen. Gemakkelijk was het geenszins die te verlenen. Bij het redden van schipbreukelingen van een groot schip kunnen de mannen een “oppertje“ zoeken, waarvan hier natuurlijk geen sprake was. Zonder enige beschutting, had men aan alle kanten hoge zee en branding, terwijl, tot overmaat van ellende, op het beslissende ogenblik een zware hagelbui uit het westen het reddingwerk nog kwam bemoeilijken. Maar alle schipbreukelingen – 9 in getal – kwamen gelukkig behouden over. De doorgestane doodsangst had hen geheel van streek gebracht. Zij bleven schreien en een hunner, een jongen, riep onophoudelijk om zijn vader, ofschoon deze in de boot goed en wel naast hem zat. Nadat de schipbreukelingen op de HERCULES waren overgebracht, ging de reddingboot andermaal naar de strandplaats terug om te trachten de gestrande schuit te behouden. Deze was inmiddels over de gronden heen geslagen en vlot gekomen; zij werd nu door de boot op sleeptouw genomen en eveneens naar de HERCULES gebracht; dit alles werd in een paar uren tijds volbracht. En zo kwam dan de HERCULES omstreeks 9 uur in de haven terug, met de schipbreukelingen aan boord en de deerlijk gehavende schuit (de Scheveningse bom SCH 168, schipper Jol) in zinkende staat op sleeptouw. Het mag bijna overbodig heten te vermelden dat de flinke redders, aan wal stappende, wel verplicht waren tot het in ontvangst nemen van menige gelukswens met het welslagen van hun edele daad.
De namen dier redders zijn: Th. Rijkers, schipper, C. Beneker, C. Minnebos, K. Bijl, P. Lastdrager, R. Spits, P. Jonker, P. Bruin, G. Oostendorp, A. van der Made en A. Arends, roeiers. Deze mannen hebben weder een schone bladzijde toegevoegd aan de geschiedenis der Noord- en Zuid-Hollandsche Reddingmaatschappij.


08 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 oktober. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram is het Nederlandse schip (opm: bark) JOHANNA, kapt. H. Ufken, op het eiland Noesa Kambangan bij Tjilatjap (opm: Cilacap) gestrand.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft uit Scheveningen aan het Haagsche Dagblad:
In gewone tijden zou ’t onopgemerkt voorbijgaan dat er op de scheepstimmerwerven te Scheveningen slapte van werk is. Regel is toch, dat geen nieuwe schuiten op stapel worden gezet voor dat de uitkomsten van de haringteelt enigszins kunnen worden overzien. Naarmate die gunstiger zijn of goede verwachting geven, zal men er lichter toe overgaan oude schuiten te doen uitvallen en door nieuwe te vervangen of de rederij uit te breiden door nieuwe te doen aanbouwen. Stond dus de tegenwoordige slapte op zich zelve, als reden zou allicht daarvoor kunnen gelden, dat ’t onze reders en kooplieden in ’t algemeen nog niet erg meevalt. Althans met de 2de reis, is ’t niet al goud wat er blinkt. Nettenverlies, geringe en ongelijke vangsten werken zeer ontmoedigend. Maar er is meer en van dien aard dat de scheepstimmerwerven worden bedreigd. Door het aankomen der bommen te Vlaardingen wordt al het daar aangebrachte scheepstimmerwerk aldaar verricht, en nieuwe bommen worden wegens de veranderde toestand van het strand bijna niet gebouwd. Voeg hier nu bij de ontmoedigende berichten betrekkelijk de kansen voor een haven te Scheveningen en dan is er niets opvallends in dat een der werven, die van de weduwe Hoogeveen, reeds stilstaat, alle werklieden daar zijn bedankt, terwijl de scheepsbouwmeester de heer De Jong deze week eveneens werklieden gedaan heeft gegeven. Trouwens de heer De Jong heeft ’t inzicht gehad de bakens tijdig te verzetten en een scheepstimmerwerf te Vlaardingen gevestigd, maar grotendeels voor loggers; en scheepstimmerlieden voor bommen zijn niet altijd geschikt aan loggers te werken. Alleen in de werven van de heren M. de Niet en De Jager is het werk in zover niet gestaakt, dat aldaar een paar bommen in voorraad wordt gemaakt, maar zeker is het dat de industrie, die het eerst en het meest te Scheveningen onder de veranderde toestand lijden zal, de scheepsbouw is.


10 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Frederiksvaerk, 7 oktober. Het alhier binnengesleepte Nederlandse schip (opm: schoenerbrik) AFIENA heeft de lading gelost en is, na gehouden expertise, afgekeurd (opm: zie PGC 190996). Waarschijnlijk zullen schip en lading publiek worden verkocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 8 oktober. Het stoomschip AMSTERDAM, van de Holland-Amerika Lijn, de 6e dezer van Rotterdam te New York aangekomen, heeft gedurende de reis zwaar stormweer doorstaan, waardoor het schade bekwam aan schroef en schroefkoker. Het moet dokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio Grande, 6 oktober. De verongelukte Nederlandse bark (opm: driemast schoener) THALASSA, waarbij de kapitein verdronk, bevond zich op reis van Mossoro naar Rio Grande. (opm: zie ook PGC 151096)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 7 oktober. Het Nederlandse schip (opm: driemast schoener) THALASSA, kapt. B.H. Kappen, is nabij Rio Grande verongelukt. Schip en lading zijn totaal verloren. Een deel der equipage is gered en te Rio Grande geland; de kapitein is verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Volgens alhier bij de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij ontvangen bericht uit St. Petersburg d.d. 5 dezer, is een lichter, die langszijde van het aldaar van hier aangekomen Nederlandse stoomschip OBERON lag, door de sleepboot BELISAARI aangevaren en lek geworden. De lichter had reeds ongeveer de helft der voor het Stadstolambt bestemde goederen uit de OBERON overgenomen, toen de aanvaring plaats had. Hoewel het vaartuig zo spoedig mogelijk op een ondiepe plaats aan de grond werd gezet, was inmiddels reeds zo veel water naar binnengedrongen, dat de gehele lading nat was geworden. Hoe spoedig men deze dan ook op het droge zal hebben gebracht, de schade zal toch altijd belangrijk zijn. De lichter had reeds de volgende goederen geladen: 16 kisten gomi-kauri (gom uit de bast van de kauri boom), 10 kisten gom-benzoë (welriekende gom of hars van de benzoë boom), 12 kisten champagne, 19 kisten en 237 balen koffie, 25 kisten Goudse kaas en 15 kisten kinabast.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Het van Santos te Rotterdam aangekomen stoomschip TUCUMAN, heeft de grootste lading koffie en cacao aan boord, die ooit in één schip is verscheept, namelijk 80.000 balen, waarvan 27000 balen alhier moeten worden gelost. Het maximum hiervoor was 66000 balen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 9 oktober. Het nieuwgebouwde stoomgouvernementsschip PARAMARIBO, bestemd voor de dienst in West-Indië, dat 22 september van Amsterdam en 26 september van IJmuiden vertrok naar Paramaribo, en 28 september Prawle Point passeerde, is volgens Reuter telegram, op de Noordkust van Spanje verongelukt. Van de bemanning wordt in het telegram niets vermeld. Het bericht komt van Kaap Finisterre.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Batavia, 08 oktober. Het Nederlandse schip JOHANNA, kapitein Ufken, met een lading suiker naar St. Michael voor orders, zit gevaarlijk te Karang Bollang punt op het eiland Noesa Kambangan aan de grond. De Koninklijke Paketvaart Maatschappij heeft aangeboden het schip af te slepen voor NLG 4300. Voor dat bedrag werd borgstelling verlangd. Er moet onmiddellijk gehandeld worden.


11 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 oktober. Volgens telegram Lloyd's is het vergaan der PARAMARIBO niet bevestigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 oktober. De Nederlandsch Amerikaansche Stoomvaart Maatschappij Holland Amerika Lijn heeft de passageprijs van 3de klas passagiers naar New York met NLG 6 verlaagd, en vastgesteld op NLG 72 per volwassene.


13 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

IJmuiden, 9 oktober. De bomschuit KATWIJK 32 is door de sleepboot BREE VEERTIEN afgesleept en hier binnengebracht. Het vaartuig is ogenschijnlijk onbeschadigd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 10 oktober. De Nederlandse bark EMMANUEL, kapt. A. Hemmes, de 24e september van Duinkerken naar Philadelphia vertrokken, is lek en met schade aan het tuig naar Dungeness teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Christiansand, 9 oktober. De driemastschoener VEENDAM, kapt. D.R. Speelman, van Dantzig (opm: Gdansk) met hout naar Hull, is lek en met verlies van verscheidene zeilen te Arendal binnengelopen. Duikers zullen worden aangenomen om het lek te zoeken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 8 oktober. De schoener BARBARA HENDRIKA is door twee Engelse stoomvissersvaartuigen masteloos hier binnengesleept en hier ter rede geankerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Geestemünde, 8 oktober. Uit het bij Meyersledge (opm: Meyers Legde) verongelukte Groninger tjalkschip VRACHTZOEKER, kapt. P.A. Groenewold (opm: zie PGC 011096), zijn een grootzeil, een fok, een koperen pomp, 15 vaam ketting, verscheidene blokken, touwwerk enz. geborgen, hetgeen zaterdag a.s. (opm: 10 oktober) publiek zal worden verkocht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 11 oktober. Volgens van Lloyd’s te Londen ontvangen telegram is het stoomschip PARAMARIBO, van Amsterdam naar Suriname, de 5e dezer van Madeira vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 oktober. Het stoomschip PARAMARIBO is volgens particuliere brief zaterdag 3 oktober te Madeira gearriveerd om maandag de 5de de reis voort te zetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Heide, 9 oktober. Gisteren raakte het Nederlandse schip ALBERDINE nabij de Bergwohrder (opm: Bergewöhrden [Eider]) buitendijks aan de grond. De gezagvoerder voer met twee matrozen in de boot van boord om een anker uit te brengen. Door het omslaan van de boot geraakte allen te water. De 2 matrozen bereikten zwemmende de wal, doch de gezagvoerder verdronk.


14 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Dungeness, 10 oktober. Het barkschip EMMANUEL, kapt. A. Hemmes, van Duinkerken naar Philadelphia, is in de Oostbaai ten anker gekomen. Het keerde terug van Start Point, lek en met schade aan tuig en zeilen. De bemanning is oproerig en de sleepboot DELWARA is bij het schip, doch de gezagvoerder wacht op orders van de reder.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 11 oktober. Volgens particulier bericht is het Nederlandse stoomschip ARIADNE bij het verlaten der haven van Toulon met een Frans oorlogsschip in aanvaring geweest en met schade aan bakboordsboeg, platen en voorsteven teruggekeerd.


15 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 12 oktober. De Zweedse bark EMIL, uit Malmö, geladen met hout, door het volk verlaten en vol water, is door de Engelse stoomtrawler AMESON binnengesleept. De equipage van genoemd schip is te Gothenburg geland.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 13 oktober. De Nederlandse koftjalk ORA ET LABORA, kapt. J. Smit, van Bremen naar Liverpool, is te Great Yarmouth binnengesleept wegens tegenwind.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 13 oktober. Het Nederlandse stoomschip FLORA, van Amsterdam naar Malaga, is te Castletown (Portland) binnengelopen, om enige schade aan het stuurtoestel op de bovenbrug te herstellen, doch zal vermoedelijk nog hedenavond de reis kunnen voortzetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 12 oktober. Volgens bij de Salvage Association ontvangen telegram uit Batavia kan er inzake de berging van het Nederlandse schip JOHANNA geen contract worden gesloten op de basis ‘no cure, no pay’ en wordt verder met de Koninklijke Paketvaart-Maatschappij dienaangaande onderhandeld. Voor het lossen der lading wordt de helft der waarde van de te lossen lading gevraagd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 13 oktober. Volgens telegram van Lloyd’s is de Nederlandse bark EMMANUEL nabij Duinkerken gestrand. Het schip zit gevaarlijk. (opm: zie PGC 171096)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Oude-Pekela, 12 oktober. Bij de rederij alhier van de te Nieuwe-Pekela tehuisbehorende THALASSA, kapt. B.H. Kappen, is een telegram ontvangen van Rio Grande, meldende: de THALASSA is gestrand, totaal verloren, de gezagvoerder en vier man zijn daarbij omgekomen (opm: zie PGC 101096).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 13 oktober. Volgens telegram uit Batavia ligt de JOHANNA nog in dezelfde positie en kan geen behoorlijke assistentie worden verkregen. Naar de mening van experts te Tjilatjap (opm: Cilacap) moet tot behoud van het schip een gedeelte der lading overboord geworpen worden. Aanbevolen wordt dadelijk een surveyor te sturen om de kapitein bij de staan.


16 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 13 oktober. De goederen geborgen uit het Spaanse stoomschip HUGO, worden heden naar Amsterdam verscheept. Aan de bergers wordt NLG 180 bergloon uitbetaald.


17 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 15 oktober. Het Nederlandse schoenerschip (opm: schoenerbrik) ADELAAR, kapt. Sommer, van Skelleftea naar Harlingen, is met door aanvaring belopen schade te Elseneur (opm: Helsingör) binnengelopen (opm: zie NRC 181096, PGC 211096 en NRC 081196).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Duinkerken, 15 oktober. De redding van de opvarenden van het hier gestrande schip EMMANUEL, kapt. A. Hemmes, waaronder de vrouw van deze, ging met veel moeite gepaard. Zware zeeën sloegen over het schip en noodzaakten hen een toevlucht in het tuig te zoeken, uit welke benarde toestand het de Duinkerkense reddingboot gelukte ze te verlossen en allen behouden aan land te brengen. (opm: zie PGC 151096)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Alblasserdam, 15 oktober. Volgens heden ontvangen telegraphisch bericht, vertrokken de sleepboten OCEAAN en OOSTZEE met het Portugees droogdok van St. Thomas naar Paul de Loando (opm: Luanda, Angola). Hieruit blijkt dat de kapiteins het toch nog nodig hebben geoordeeld de kolenvoorraad aan te vullen, alvorens naar de bestemmingsplaats koers te zetten.


18 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingör, 15 oktober. De in ballast zijnde Deense schoener OTTO, thuisbehorende te Rudkjöbing, is in de Sont met de bij Hveen ten anker liggende Nederlandse schoener (opm: schoenerbrik) ADELAAR, in aanvaring geweest (opm: zie PGC 171096 en 211096). Eerstgenoemd schip, dat schade aan het achterschip boven water bekwam, werd hier heden binnengesleept om te worden gerepareerd. De ADELAAR, die nog in de Sont ten anker ligt, heeft de boegspriet en kluiverboom verloren, en zal vermoedelijk heden nog in de haven komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 september. Volgens van Lloyd's ontvangen telegram uit Batavia werd de lading van het gestrande schip JOHANNA gelost. Het zal vermoedelijk 24 oktober zonder assistentie vlot komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 17 oktober. De RAPIDE is hedennacht slechts met één wiel werkend (opm: het betreft hier een raderschip) en begeleid door het stoomschip PRINCE BAUDWIN, naar Ostende teruggekeerd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 16 oktober. De Nederlandse driemastschoener BOTHNIA, kapitein Houwink, is bij Kanten (opm: in Friesland ?) gezonken. De oorzaak is onbekend.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 oktober. Het stoomschip ARIADNE is volgens particulier bericht te Toulon in het dok geplaatst, de reparatie zal 9 dagen duren.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 15 oktober. Het schoenerschip OLDAMBT, kapitein Veldman, van Sundsvall naar hier bestemd, is volgens telegrafisch bericht, wegens tegenwind, te Holtenau binnengelopen. Het gaat thans door het Kaiser Wilhelmkanaal (opm: Kielerkanaal) naar hier.


19 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Duinkerken, (geen datum). Het Nederlandse schip EMMANUEL, kapt. A. Hemmes, zit vol water en rijst en daalt het water in het schip met het getij. (opm: zie PGC 151096)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Helsingfors (opm: Helsinki), 11 oktober. De Nederlandse bark LINA EN JOHANNA, kapt. F. Dobbinga, van Hernösand naar Amsterdam, is hier de 8e oktober wegens tegenwind en verlies van zeilen binnengelopen en bij Sveaborg ten anker gegaan. Zodra het schip voorzien is van enige nieuwe zeilen en de wind gunstig is, zal de reis worden voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 16 oktober. Volgens bij de Koninklijke West-Indische Maildienst uit New York ontvangen telegram moet het aldaar van West-Indië aangekomen Nederlandse stoomschip PRINS MAURITS dokken. De hoogdrukstoomschuif en de circulatiepompen zijn defect. Het stoomschip zal de 18e dezer, zijnde een dag later dan het vaarplan aangeeft, weder naar West-Indië vertrekken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 17 oktober. Volgens hier ontvangen bericht uit Norrköping is het in de nabijheid van deze haven gestrande en later aldaar binnengebrachte schip (opm: bark) STAD STEENWIJK, kapt. P. Bos, afgekeurd en wordt het wrak en de inventaris spoedig verkocht. (opm: zie PGC 240996, 280996 en 181296)


20 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Wegens Liquidatie. De notarissen Spruijt te Sappemeer en Piccardt te Hoogezand zullen op vrijdag 6 november 1896, ’s avonds 7 uur, in het Bontehuis te Sappemeer, publiek verkopen het in 1889 naar de eis geconstrueerde, sterk gebouwde, extra snel zeilende, kopervast en gekoperd Nederlands driemast schoenerschip FRITS FABER BEUKEMA, eerst gevoerd door J.H. Korter en het laatst door kapitein A. de Jongh, groot netto 275.81/100 tonnen van 2.83/100 kub. meter, geclassificeerd bij de Eng. Lloyd A1 Zwart tot november 1898, thans liggende te Rotterdam in de Zalmhaven, aan de werf De Hoop, van de heer Boogaard, met al deszelfs rondhouten, staand en lopend want, ankers, kettingen, touwen, zeilen en al hetgeen zich bij de aanvaarding verder aan boord bevindt, met uitzondering van de chronometer, die moet worden overgenomen voor een honderd gulden. Betaling der kooppenningen acht dagen na de toeslag, mits bekende soliede borgen stellende. Nadere inlichtingen te bekomen bij de heren Kuijper, Van Dam en Smeer, makelaars te Rotterdam, en bij de boekhouder, de heer J.M. Cremer te Hoogezand, bij wie, evenals bij de eerstgenoemde notaris, inventarislijsten op franco aanvrage te verkrijgen zijn.
(opm: zie PGC 271196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 17 oktober. Door de Salvage Association is van Lloyd’s agent het volgende telegram ontvangen, gedateerd Batavia 17 oktober, te 11 uur 50 v.m: de 14e oktober werd door de gezagvoerder van het bij Karang Bolland gestrande schip JOHANNA een overeenkomst getroffen tot lossing, weging, opslag, weder aan boord nemen en assurantie der te lossen lading tegen NLG 1,92½ per pikol. Van de lading zal 450 ton gelost moeten worden om vlot te komen. Vermoedelijk komt het zonder assistentie de 24e oktober vlot. Indien er geen crediet wordt geopend, zullen de kosten belangrijk zijn. De gezagvoerder is van plan de nodige gelden bij wijze van bodemarij op te nemen.
(opm: bodemarij of bodemerij [van bodem = schip] omschrijft Mr. J.A. Molster als eene overeenkomst tussen een geldschieter en een geldopnemer, waarbij eene som gelds wordt opgeschoten, met beding van premie en onder verband van schip of goed of beide, met dat gevolg, dat indien het verbondene, geheel of gedeeltelijk, door toevallen op zee vergaat of vermindert, de geldschieter zijn recht op de opgeschoten penningen en op de premie verliest, voor zoover dit een en ander niet op hetgeen overblijft kan worden verhaald; maar indien het verbondene schip behouden ter plaatse zijner bestemming aankomt, de hoofdsom, benevens de premie moet betaald worden)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 19 oktober. De schoener BOTHNIA zit nog in dezelfde positie. Het schip zal vermoedelijk door een duiker worden dichtgemaakt, alvorens het water kan worden uitgepompt.


21 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 19 oktober. Het rijnschip OP HOOP VAN ZEGEN, schipper Zwartebol, geladen met pulp, is in de Noord gezonken ten gevolge van aanvaring met de stoomboot TELEGRAAF I.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 18 oktober. Het schoenerschip OLDAMBT, kapt. Veldman, van Sundsvall naar hier bestemd, is volgens telegram wegens tegenwind te Holtenau binnengelopen. Het gaat thans door het Kaiser-Wilhelmkanaal (opm: Kielerkanaal) naar hier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 17 oktober. Het stoomschip ARIADNE is volgens particulier bericht te Toulon in het dok geplaatst; de reparatie zal negen dagen duren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 19 oktober. Het rijnschip OP HOOP VAN ZEGEN, schipper Zwartebol, geladen met pulp, is in de Noord gezonken ten gevolge van aanvaring met de stoomboot TELEGRAAF I.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 18 oktober. De Nederlandse (opm: tweemast-) schoener IDA BOUWINA, kapt. J. Douwes, met hout van Frederikstad (opm: Fredrikstad) naar Groningen, werd eergisteren avond in de Noordzee op de lading drijvend door de stoomvisser GRETE aangetroffen. De bemanning ging op de GRETE over. De volgende ochtend nam de GRETE de schoener op sleeptouw en heeft die heden voormiddag in de Geeste gebracht.


22 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 20 oktober. Naar men verneemt, is het plan tot oprichting ener alhier te vestigen Stoomvaart-Maatschappij Oostzee vastgesteld en zal weldra hiervoor een beroep op het kapitaal worden gedaan. Directeuren zijn de beide leden van de hier ter stede gevestigde firma Vinke & Co. Het kapitaal zal NLG 500.000 bedragen en zou men met drie tweede hands stoomschepen beginnen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Reval (opm: Tallinn), 17 oktober. De Nederlandse driemast-schoener DINA, kapt. R. Drewes, met een lading planken van Riga naar Geestemünde, is bij Domesnaes (opm: Kolkasrags, Letland) gestrand, doch werd later vlot gebracht en is lek naar Riga teruggesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 18 oktober. Omtrent de van Frederikstad (opm: Fredrikstad) met hout naar Groningen bestemde schoener IDA BOUWINA, kapt. J. Douwes, wordt nog medegedeeld, dat dit schip de 15e oktober, des avonds op 55º38’ N.B. en 06º O.L, door de visstomer GRETE werd aangetroffen met noodseinen in top. Het schip was vol water en dreef op de lading. De bemanning wenste het schip te verlaten en werd door de GRETE van boord gehaald. Toen het weder de volgende morgen gunstiger was, gingen een paar man van de GRETE op de schoener over, die toen op sleeptouw werd genomen en in de Geeste binnengebracht, alwaar het vaartuig aan de grond werd gezet. Ogenschijnlijk heeft het schip weinig schade, doch toen het bij laag water geheel droog zat, liep het water op verscheidene plaatsen uit het achterschip.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 19 oktober. Volgens particulier bericht is het Nederlandse schip IDA BOUWINA, kapt. J. Douwes, van Frederiksstad (opm: Fredrikstad) voor Groningen, vol water en door het volk verlaten te Geestemünde binnengesleept. Het volk is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 19 oktober. De sleepboot MAARTEN TROMP heeft vruchteloos getracht het schip BOTHNIA leeg te pompen. De sleepboot NEPTUNUS is heden alhier van Terschelling aangekomen en zal met laag water beproeven het schip leeg te pompen. (opm: de pogingen slaagden op 20 oktober)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 oktober. Volgens telegram is het Nederlandse schip JOHANNA, de 20e dezer, na ongeveer 500 ton gelost te hebben, vlot gekomen, en zal te Tjilatjap (opm: Cilacap) onderzocht worden. Indien het schip zeewaardig wordt bevonden, zal het de reis voortzetten. De schade aan de lading is van geen betekenis.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 20 oktober. De Nederlandse kof CORNELIA, kapt. Drok, met hout van Kragerø naar Papenburg, is hier lek ter rede ten anker gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Emden, 19 oktober. De tjalk DEO GRATIA, schipper Brinkman, met haring van hier naar Hamburg bestemd, is nabij Borkum gezonken. De opvarenden werden door de loodsschoener van Borkum gered en hier geland.


23 oktober 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Drie schepen te koop: een met mast en giek, 35 ton, een roefschuitje, 15 ton, met inventaris, en een snik, 11 ton. Tevens beveelt ondergetekende zich vriendelijk aan tot het overtrekken van houten schepen met ijzer. H. van Koningsveld, Franeker.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Elseneur (opm: Helsingör), 19 oktober. De OTTO, kapt. Madsen, hier met schade door aanvaring met de schoener ADELAAR binnengelopen, heeft voorlopig gerepareerd en vertrekt heden naar Rudkjobing om afdoende te repareren. Kapitein Madsen betaalde 3000 kronen voor de schade aan de ADELAAR toegebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 20 oktober. De kof CORNELIA, kapt. J.H. Drok, met hout van Kragerø naar Papenburg, is hier lek ter rede ten anker gekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 oktober. Gisteren is de eerste stoomloodsboot, genaamd FRANCIS HENDERSON, via Glasgow in de Mersey aangekomen, die de plaats van de schoeners op de rivier zal innemen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 22 oktober. Volgens uit Loanda (opm: Luanda, Angola) ontvangen telegram is het Portugese droogdok met waarloze ponton na een reis van 65 dagen, aldaar aangekomen. Aan boord alles wel.


24 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 23 oktober. Het stoomschip PRINS WILLEM III, van Paramaribo naar Amsterdam, seinde volgens bericht van Lloyd's, bij het passeren van Ouessant, dat door stormweer de schoorsteen weggewaaid was, en één der boten geheel vernield werd.


25 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. Volgens bij Lloyd’s ontvangen telegram uit St. Petersburg is een lichter, beladen met 350 ton cokes uit het stoomschip BARENDRECHT gezonken. Men maakt toebereidselen om de lading te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 oktober. Het Nederlandse schip ZWIJGER, kapt. Brouwer, is 23 dezer van Baltimore te Rio Grande aangekomen. Alles wel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 24 oktober. Van het Oostenrijkse stoomschip KIMON, komende van Fiume (opm: Rijeka), hedennacht 3 mijlen van de Waterweg bij de Slikboei zijnde, sprong de vóórcylinder, waardoor slechts één cylinder ter beschikking overbleef. De kapitein oordeelde het raadzaam te ankeren en hulp van sleepboten in te roepen. De diensten der sleepboot NIEUWESLUIS werden niet aangenomen, waarop de sleepboot NOORDZEE naar buiten vertrok en aanbood de KIMON voor GBP 1000 naar binnen te slepen. De kapitein vond dit bedrag te hoog en stelde voor het sleeploon door arbiters te doen bepalen, welk voorstel werd aangenomen. De KIMON werd daarop vastgemaakt en naar binnen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 22 oktober. Volgens telegram uit Batavia, zal het aan de grond gezeten hebbende schip JOHANNA te Tjilatjap (opm: Cilacap) worden onderzocht. Indien er geen krediet wordt geopend, zullen de gemaakte kosten door het nemen van bodemarij gedekt worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geestemünde, 23 oktober. De Nederlandse kof CORNELIA, hier lek binnengesleept, is naar Papenburg, de bestemmingsplaats, opgesleept.


26 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 oktober. Het stoomschip PRINS WILLEM III, van West-Indië via Havre naar Amsterdam, passeerde hedenmiddag te 4.45 uur Ouessant. Het heeft tengevolge van een hevige windstoot de schoorsteen verloren, terwijl een boot geheel verbrijzeld werd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Antwerpen, 23 oktober. Het Nederlandse stoomschip LA HESBAYE, eergisteren van Philadelphia hier aangekomen, is in aanvaring geweest met het Engelse stoomschip PORT DARWIN en bekwam daardoor lichte schade.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 23 oktober. Door de firma Nielsen, Van Holk & Co alhier werd onlangs aan de scheepsbouwmeesters W. Gray & Co, te West-Hartlepool de bouw opgedragen van een nieuw stoomschip van 1600 à 1700 ton, dat tegen april van het volgende jaar moet worden afgeleverd en ongeveer NLG 200.000 zal kosten. (opm: de VLUG)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 23 oktober. volgens bij Lloyd’s ontvangen bericht bevindt zich een stoomschip, vermoedelijk de ZAANDAM, van New York naar Amsterdam bestemd, 22 mijlen ten westen van Scilly (opm: vermoedelijk worden de Scilly Islands bedoeld) in onhandelbare staat, vermoedelijk ten gevolge van een gebrek aan de machine.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Duinkerken, 20 oktober. Voor het alhier op de rede gezonken Nederlandse schip EMMANUEL (opm: zie PGC 151096) is een bergingscontract gemaakt tegen 55% der waarde van de te bergen goederen.


27 oktober 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 26 oktober. Omtrent het ongeluk te IJmuiden meldt men ons nader: Het gisterenmorgen naar Bilbao vertrokken Engels stoomschip HARLYN werd door stormweer genoodzaakt hier terug te keren en kwam gistermiddag hier weer voor de haven. Er stond een hoge zee. De lege boot slingerde geweldig. Niettemin werd getracht het schip van een loods te voorzien van uit den voorgaats kruisende kotter en ging een sloep, bemand met de loodsleerlingen C. Gomes, J. Dienst, T. Koijman, P. Kuijper en de zeeloods A. Molenaar naar genoemd stoomschip. Na veel manoeuvreren kwam de sloep langszijde en ging de loods de stormladder op, na tweemaal door het geweldig rollen der boot teruggeworpen te zijn. Toen het de loods na veel inspanning en moeite eindelijk gelukt was aan dek der boot te komen, bemerkte hij tot zijn grote schrik dat de loodssloep inmiddels omgeslagen was en de vier roeiers in zee lagen. Door het loeien der wind en het geweldig slaan der zee tegen het schip, had hij van het vreselijk ongeluk niets bemerkt, evenmin het angstig geroep der hulpbehoevenden gehoord. Gelukkig had de stuurman van de HARLYN het ongeluk gezien en onverwijld wierp men reddingsboeien en alles wat grijpbaar was in zee tot redding. Een boot uitzetten was door het zwaar slingeren der boot en de hoge zee niet mogelijk. Een toegeworpen reddingsboei werd door F. Koijman bemachtigd, met behulp waarvan het hem gelukte naar de loodskotter te gaan, hij werd daar aan boord opgenomen. Als door een wonder wierp de kapitein van de HARLYN een lijn juist rond het hoofd van P. Kuijper; men haalde deze persoon daarmee geheel uitgeput aan boord der boot, doch de leerlingen C. Gomes en J. Dienst konden door uitputting de toegeworpen lijnen niet vasthouden en zijn jammerlijk voor aller ogen verdronken. Beide waren gehuwd en een van hen laat ook twee kinderen achter. Bij het binnenkomen van de kotter gevolgd door de HARLYN, bemerkte men aan wal door het ontbreken der sloep spoedig dat iets niet in orde was en toen het ongeluk bekend werd, was geheel IJmuiden onder de indruk.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 25 oktober. Bij het beloodsen van het stoomschip HARLYN, van Bilbao hier aangekomen, is de loodsboot omgeslagen, waarvan 2 man zijn verdronken. (opm: zie volgend bericht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Geestemünde, 25 oktober. Voor het hier binnenslepen van de Nederlandse schoener IDA BOUWINA door de visstomer GRETE werd aan de reder van laatst genoemd schip 2500 mark uitbetaald. De schoener zou gisteren door een Nederlandse stomer van hier naar Groningen gesleept worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 oktober. Nog altijd is men er niet in geslaagd het klokbakenschip van Terschelling, dat thans een maand geleden op de kust der Friese gemeente Ferwerderadeel strandde, af te brengen. Kwam de gastvrijheid, die bij een vroegere stranding, de kust der gemeente Het Bildt de dure gast verleende, het waterschap Het Nieuw Bildt te staan op een paar duizend gulden, wegens vernieling aan de zeedijk, thans kosten zij de eigenaar zelf, het Rijk, een aardig duitje. Na het ijzeren vaartuig te hebben ontdaan van de ballast (ongeveer 1500 ton), is men er in geslaagd het met dommekrachten van de kwelder op het slik te brengen, in de hoop dat een hoge vloed het thans vlot zou maken. Nu dit niet het geval is geweest, is men bezig een geul te graven, een werkje aangenomen voor ongeveer NLG 1000, om langs deze weg het verdwaalde schaap weer in diep water en zo naar zijn ligplaats te krijgen.


28 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Duinkerken, 19 oktober. Het schip EMMANUEL, kapt. A. Hemmen, breekt op (opm: zie PGC 151096). De wrakstukken drijven langs de kust.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 oktober. Volgens mededeling van de inspecteur van het Loodswezen, 4e en 5e district op 26 dezer, is in de Noordzee het lichtschip MAAS, Hoek van Holland, ten gevolge van een aanvaring met een onbekend stoomschip, zwaar beschadigd, en dien tengevolge tijdelijk van zijn station binnengehaald. (opm: zie PGC 301096)


29 oktober 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Zierikzee, 27 oktober. Gedurende hevig stormweer uit het Z.W. werd zondagmiddag (opm: 25 oktober) het vuurschip MAAS, gelegen voor de Nieuwe Waterweg, door het stoomschip SALAMANCA aangevaren. Op de MAAS trachtte men vruchteloos door het luiden van de klok en geroep de bemanning van de SALAMANCA op het gevaar van een aanvaring opmerkzaam te maken. Boeg en steven van de MAAS werden boven de waterlijn grotendeels vernield, waardoor het verblijf van de bemanning door het binnendringende water werd overstroomd, al de kooien met het beddengoed nat werden en men genoodzaakt was gaten in de vloer te boren om het water te lozen. Het stag van de mast rondom welke de vuurtoren of lantaarn loopt, waarin het licht getoond wordt, geraakte door de vernieling van de boeg geheel los, zodat de mast los lag en een begin van brand ontstond in de toren. Men slaagde erin, die brand te blussen en met veel moeite de mast weer te bevestigen, zodat het vuur ongeveer twee uur daarna weer als gewoonlijk kon worden getoond. De gezagvoerder, kapitein Kunst, de stuurman en drie man van de equipage waren op het aanvarende stoomschip de SALAMANCA overgesprongen en zijn met dat stoomschip aan wal gebracht. De SALAMANCA zelf kreeg door de aanvaring geen averij. Daar het vuurschip echter te veel schade had belopen om op station te blijven, werden er ’s ochtends noodseinen gehesen, die door de sleepboot WODAN opgemerkt werden. Deze kwam om 9 uur bij het vuurschip. Daar de sluiting van de ketting niet los te krijgen was, werd de ketting afgekapt en liet men ongeveer 135 vadem, die behoorlijk van een boei werd voorzien, slippen. Toen werd het vuurschip door de WODAN op sleeptouw genomen en tegen 5 uur ’s middags aan de Willemskade voor het Victoria-hotel vastgemaakt. Het bleek volmaakt dicht te zijn, de schade schijnt zich tot het voorschip en de stuurboordzijde boven water te bepalen. Het vuurschip heeft later ligplaats genomen in de Zalmhaven aan de werf van de Gebroeders Kortland.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Soerabaja, 1 september. Het Nederlandse schip DE RUYTER, kapitein Teensma, moet in het dok enige reparaties ondergaan, waarna het suiker zal laden naar de Azorische eilanden voor orders.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 28 oktober. De Engelse viskotter FASHION, schipper Bonter, van Lowestoft, is hier gestrand. De bemanning is gered, het schip is wrak.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 26 oktober. Het stoomschip LA HESBAYE is door aanvaring met het stoomschip PORT DARWIN (opm: zie PGC 261096) lek geworden. Men beweert dat er onder de waterlijn verscheidene platen en spanten zijn gebroken. Men gaat voort met lossen, waarna men de schade zal kunnen opnemen. Morgen zal het dokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 26 oktober. Het Nederlandse barkschip MAGDALENA, kapt. Dekker, van Wyborg naar Geestemünde, werd de 24e dezer gepraaid N.N.W. 45 mijlen van Helgoland door de stoomvisser CARL. De gezagvoerder van de MAGDALENA verzocht om op sleeptouw te worden genomen, waaraan werd voldaan. Om 10 uur des ochtends begon men te slepen tot des namiddags 3 uur, toen door storm en hoge zee de sleeptros brak en men die niet weder kon vastmaken. De CARL zette de reis voort en arriveerde hier in de haven. Aan boord van de MAGDALENA was alles wel.


30 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 28 oktober. Volgens telegram van Lloyd’s is de Nederlandse bark FAIRY, kapitein Gien, van Bahia naar Norfolk, op 34º N.B. en 75º W.L. masteloos verlaten. De bemanning is gered. (opm: zie NRC 011196)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Antwerpen, 26 oktober. Het stoomschip LA HESBAYE is nog lossende. Naar wordt gemeld, zijn verscheidene platen en spanten onder water gebroken en zal het stoomschip morgen in het droogdok worden gehaald om te worden onderzocht en te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Soerabaja, 1 september. Het Nederlandse schip DE RUYTER, kapt. Teensma, moet hier dokken om enige reparatiën te ondergaan, waarna het suiker gaat laden naar de Azoren voor orders.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 27 oktober. Het Nederlandse barkschip NEPTUNUS, behoord hebbende aan de rederij der heren J. en S. Wiarda alhier, is tot geheime prijs uit de hand verkocht aan kapitein F. Zeilinga, van Schiermonnikoog, die dit schip reeds sedert 10 jaren als gezagvoerder heeft bevaren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Geestemünde, 25 oktober. Voor het alhier binnenslepen van het Nederlandse schip IDA BOUWINA (opm: zie PGC 221096), is aan de rederij van het stoomschip GRETE Mk 2500 toegekend. Het schip wordt door de sleepboot MARTIN POPELAU naar Groningen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 29 oktober. De op zee verlaten schoener FLORA, is hier in de haven gebracht. De berger van de inventaris is tegen 14½ procent aangenomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Nieuwe Diep, 28 oktober. Door de sleepboot HERCULES zijn alhier aangebracht de kapitein en acht man van de Deense schoener FLORA, van Kotka naar Londen, welk vaartuig vol water was verlaten. De FLORA is in het Stortemelk drijvende aangetroffen door de sleepboot NEPTUNUS, die het schip op sleeptouw heeft genomen en koers heeft gezet naar Terschelling.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bremerhaven, 28 oktober. De Nederlandse tjalk SIETSKE BARTELS, van Elmshorn naar Culemborg bestemd, is zonder schipper hier binnengekomen en is in de Geeste gehaald. De schipper heeft met zijn eigen boot het schip verlaten en is te Cuxhaven aangekomen. (opm: zie vorig bericht)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Cuxhaven, 27 oktober. De Nederlandse tjalk SIETSKE BARTELS, van Elmshorn (opm: aan de Elbe, noordwestelijk van Hamburg) naar Groningen, ankerde gisterennacht bij het Eversand (opm: zuidwestelijk van Cuxhaven). Schipper Groen, met zijn boot naar Bremerhaven roeiende, dreef zeewaarts, en werd later buitengaats door de loodsenstomer opgenomen en hier geland. (opm: zie volgend bericht)


31 oktober 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 oktober. De tjalk DE VIER GEBROEDERS is vol water alhier in de haven gesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Norrköping, 26 oktober. De Nederlandse bark STAD STEENWIJK, die hier lek is binnengebracht en na gehouden expertise werd afgekeurd, is verkocht voor 50 kronen plus 1087 kronen onkosten voor het binnenbrengen. (opm: zie ook PGC 181296)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 29 oktober. De Nederlandse tjalk DE VIER GEBROEDERS, schipper Van der Berg, met ongebluste kalk van Papenburg naar Norderney, staat in brand. Het volk is gered. De sleepboot UTRECHT tracht het vuur te blussen en het vaartuig in veiligheid te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 29 oktober. De Nederlandse oorlogsschoener ZEEHOND verloor in de afgelopen zomer bij het vertrek door aanvaring, dwars van het St. Pauli landingshoofd, een anker. Tot heden heeft men vergeefs getracht het terug te vinden. Er is nu een gouvernementsduiker bezig het anker op te sporen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 30 oktober. De Vlissingse loodsschoener No. 13, is hier binnengesleept door het Belgische stoomschip ADOLF DEPPE van Bilbao naar Antwerpen, zijnde door dit stoomschip aangevaren, waardoor de kluiverboom brak en andere schade werd bekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 28 oktober. Aan boord van het stoomschip LA HESBAYE zijn door aanvaring van het stoomschip PORT DARWIN 9 bladen (opm: mogelijk van het stuurboord-wiel) verbogen en gebroken, ook het potdeksel (opm: deel der verschansing) aan stuurboord zijde is gebroken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 28 oktober. De Salvage Association heeft het volgende telegram van Lloyd's agent te Batavia ontvangen. Deze behelst dat de onkosten gemaakt tot afbrenging van het te Karang Bolland gestrande Nederlandse schip JOHANNA tot heden GBP 2200 belopen. Er wordt aanbevolen het schip te dokken. Hiertoe zullen de nodige gelden worden verkregen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 30 oktober. De ijzeren bark MAGDA, kapitein Swendsen, van Sundsvall naar Port Natal, is op Simondszand gestrand. De bemanning is gered. (opm: zie NRC 031196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Omtrent het pantserdekschip FRIESLAND, dat binnenkort van de werf te Fijenoord zal worden te water gelaten, kunnen wij de volgende bijzonderheden mededelen: Lengte over alles 93,30 m, grootste wijdte op buitenkant spanten 14,75 m, holte 9,869 m, waterverplaatsing met 400 ton kolen, geheel uitgerust, 3900 tonnen; grootste diepgang bij die waterverplaatsing 5,40 m.
Bewapening: 2 snelvuur kanons van 15 cm, 6 dito van 12 cm en 4 dito van 7,5 cm, alle met nikkel-stalen schilden; 8 snelvuur kanons van 3,7 cm en 4 revolver kanons, beide met stalen schilden. Een boegbuis, een hekbuis en twee kanons in de zijde voor torpedo-lancering. Het gehele schip wordt electrisch verlicht, heeft 2 zoeklichten, voorts stoom-anker-inrichting, stoom- en handstuurinrichting, ventilatie-inrichting, enz.
De stoomwerktuigen bestaan uit twee aan elkander gelijke drievoudige expansie-machines. Zij zijn door een verticaal langs-scheepsschot van elkander gescheiden; elk stel heeft zijn eigen hulpwerktuigen en vormt een volledig geheel, dat onafhankelijk van het andere kan werken. Afmetingen der cilinders 84 – 125 – 188 cm, zuigerstang 99 cm. Aantal omwentelingen 145 per minuut. Vermogen 9250 Ind.P.K. De gezamenlijke stoomketels bestaan uit twee vlampijpketels en acht waterpijpketels; het totaal verwarmd oppervlak bedraagt 1875 m², rooster oppervlak 41 m². Het schip moet een snelheid bereiken van 20 mijl per uur.


01 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 20 oktober. De Nederlandse schoener SUSAN, arriveerde hier van Trinidad, na de 10de dezer op 39º N.B. en 73º15' W.L. door een orkaan te zijn belopen, waardoor de kluiverboom brak, terwijl vele zeilen verloren gingen. Ook leed het schip veel dekschade.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Singapore, 5 oktober. Het Nederlandse stoomschip REIJNST, van de Koninklijke Paketvaart Maatschappij, heeft in de afgelopen maand bij de Oostkust van Borneo op een rif gestoten, en is daar 10 uur blijven zitten. Het werd in het dok onderzocht en onbeschadigd bevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 30 oktober. De gezagvoerder van het stoomschip MAB, te Darmouth aangekomen, rapporteert de 12e dezer op 34º23’ N.B. en 75º21’ W.L. het Nederlandse barkschip FAIRY te hebben aangetroffen, geheel masteloos en op zijde liggende (opm: zie PGC 301096). Hij haalde de gehele bemanning uit 10 personen bestaande, van boord. Het woei een storm uit het noordoosten met hoge zee.


03 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 31 oktober. Het Duitse s.s. CORDELIA, komende van de Westkust van Zuid-Amerika, en het Nederlandse s.s. ETNA zijn in de haven van Hamburg met elkaar in aanvaring gekomen, tengevolge waarvan de CORDELIA is gezonken en de ETNA zwaar beschadigd werd. Laatstgenoemd stoomschip zal echter na voorlopige reparatiën vermoedelijk de reis spoedig kunnen voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 november. Volgens telegram van Lloyd’s uit Londen wordt het stoomschip KONINGIN WILHELMINA, van Batavia naar Amsterdam, te Port Said opgehouden door het breken der drijfstang. Het zal vermoedelijk dinsdag de reis voortzetten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 30 oktober. Hedenavond ongeveer 9 uur vond een aanvaring plaats tussen het Nederlandse stoomschip ETNA en het Duitse stoomschip CORDELIA. Eerstgenoemd vertrok van hier, terwijl laatstgenoemd de haven binnenkwam, gesleept door twee sleepboten. De CORDELIA was met zulk een kracht in de bakboordszijde geraakt door de steven van de ETNA, dat het aan de zuidzijde van de Elbe, dichtbij de Noordduitse raffinaderijen gezonken is. Ook de ETNA heeft zulke belangrijke schade geleden, dat het de reis niet heeft voortgezet. Niemand heeft letsel bekomen. Volgens latere berichten schijnt de aanvaring toch niet zo ernstig als eerst vermoed werd. Wel is de CORDELIA in alle afdelingen vol water, doch het lag toch met de eb hedenochtend nog boven water, zodat reeds dadelijk met het bergingswerk kon worden begonnen, waardoor verwacht werd, dat reeds hedenmiddag het gat aan bakboordszijde voorlopig zou zijn dichtgemaakt en met het leegpompen zou kunnen worden begonnen. De ETNA heeft zich de kluizen ingelopen en schade aan de boeg.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 31 oktober. Van de Engelse kotter FASHION, in de Buitengronden gestrand, heeft men een aantal zeilen, wat touwwerk, enz. geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 31 oktober. Het op een der buitenbanken van Simonszand, tussen hier en Rottumeroog gestrande schip MAGDA, is totaal wrak geworden, en zal met de lading geheel verloren zijn, daar geen vaartuigen het schip kunnen bereiken. (opm: zie NRC 311096 en latere berichten).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 1 november. Vuurschip MAAS. Heden weer op station geplaatst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 2 november. Een duikerschip heeft de FLORA onder water onderzocht en naar aanleiding van diens rapport is tussen de expert van de assuradeuren en de N.B.M. overeengekomen het schip te dichten, leeg te pompen en naar een veilige haven te brengen.


04 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 02 november. Het lichten van het stoomschip CORDELIA is zeer voorspoedig verlopen. Nadat het gat in het achterschip door een duiker was gedicht, werd een begin gemaakt met het uitpompen van het water, en kon het stoomschip reeds hedenmiddag naar de loods der firma Nathan Philip & Co. worden gesleept, waar het restant der lading zal gelost worden. Het bericht als zou op de ETNA beslag zijn gelegd, is onjuist.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 2 november. Door het heden van Noorwegen hier aangekomen Noorse stoomschip CASTOR, kapitein Hansen, werden hier geland, de schipper, stuurman en een matroos, uitmakende de bemanning van de Nederlandse 1-mast kof GEESSIEN BROUWER, kapt. H. van der Spa, van Groningen, die hun schip op de reis van Kragerö naar Hooksiel met een lading hout 18 mijl N.O. van Egero, vol water drijvend, hebben verlaten. (opm: zie NRC 061196)


05 november 1896


  AT - Abo Tidning

Advertentie. Verkocht zeilvaartuig.
In het douanekantoor in Helsinki werd op dinsdag per openbare veiling de Hollandse brik MARIA verkocht voor een koopsom van 4.100 mark aan de handelaar K. Asp.
Het vaartuig, dat is gebouwd van eiken en voor de vaart in ijs, meet 264,60 register ton en is in beschadigde toestand op 19 september binnengelopen na een aanvaring in open zee met de Engelse stomer CRAIGLANDS (opm: zie PGC 230996).
Inbegrepen de takelage en de inventaris heeft de brik een schade opgelopen die is gewaardeerd op 8.000 mark. De MARIA ligt momenteel voor anker in de haven van Soernaes. Tijdens de veiling zijn tevens navigatie-instrumenten, kajuitmeubilair, overgebleven proviand en andere spullen in een kleine kring van kopers verkocht.
(opm: vrije vertaling door Marhisdata)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rönne, 30 oktober. Het met lekkage binnengesleepte schip ANNA MARGARETHA (opm: zie PGC 290996) is in veiling voor 7050 Kronen naar Allinge (opm: Bornholm) verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 30 oktober. In de nacht van 13 september is een prauw beladen met rijst aangevallen en geplunderd bij de monding der Marosrivier in Celebes (opm: noordelijk van Ujung Pandang op Sulawesi). De uit 3 man bestaande bemanning werd gedood, hun lijken werden op de Pankoja zandbank drijvende gevonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 03 november. Het stoomschip ETNA heeft de bekomen schade tijdelijk gerepareerd en is heden van hier naar Amsterdam vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 3 november. Voor het Seeamt te Hamburg werd heden een aanvang gemaakt met het onderzoek betreffende de aanvaring tussen de ETNA en de CORDELIA, tengevolge waarvan beide schepen belangrijke schade leden, het laatste schip werd vol water aan de grond gezet. De zitting werd verdaagd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 2 november. Alhier aangedreven ruim 50 delen, volgens verklaring van kapitein Svendsen, afkomstig van het barkschip MAGDA.


06 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 4 november. Het op de Schild aangespoelde lijk is te Warffum begraven, zonder dat de identiteit vastgesteld kon worden. Van de vermiste sloep met manschappen van de FRIESLAND is geen nader bericht ontvangen (opm: zie PGC 071196).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 3 november. Het Nederlandse barkschip FRIESLAND, kapt. Teensma, naar Papenburg bestemd, dat sedert zondag (opm: 1 november) bij de Knock (opm: aan de Eems) ligt, heeft een diepgang van 53 dm. zodat het minstens de halve lading zal moeten lossen alvorens de reis voort te zetten. Dit lichten evenwel kan, door de sterke stroom, niet zonder gevaar voor het schip en lichters plaatshebben. Mocht de oostelijke wind aanhouden en dus weinig water komen, dan bestaat de kans dat de FRIESLAND daar de gehele lading zal moeten lossen. (opm: zie ook volgend bericht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Westernieland, 4 november. De gehele kust achter Westernieland en Pieterburen is als het ware bezaaid met planken en delen, alles gezaagd en gemerkt hout uit het schip MAGDA, op Simonszand gestrand. De gehele lading ligt hier op de kust, en het schip is uiteen geslagen. Tal van lieden waren dag en nacht in de weer om strandhout te verzamelen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 4 november. De lading van het alhier met brand in de lading in de haven gesleepte tjalkschip VIER GEBRÜDER (opm: DE VIER GEBROEDERS, kapt. Van der Berg, zie PGC 311096), wordt morgen in publieke veiling verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 5 november. De Zweedse bark ANTOINETTE, gisteren lek hier binnengebracht, liep hedennacht vol water en zonk in de haven. Het volk is gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 4 november. Het stoomschip DUNDEE, komende van Hamburg naar hier, is hedenavond in aanvaring geweest met het ijzeren schoenerschip SELINA JOHANNA, kapitein Kruize, van Emden naar Londen, dat ten anker lag op de rede bij Delfzijl. Het schip (opm: de schoener) is met averij aan de boegspriet en kluiverboom lek de haven binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 4 november. Door de Salvage Association is het volgende telegram ontvangen van Lloyd´s agent te Harlingen: Er bestaat geen kans om het schip MAGDA af te brengen en het bergen der lading is voorlopig onmogelijk. Wegens het onstuimige weer is er geen aanbod om te bergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Advertentie. Wemeldinge, 6 november. Zij die genegen zijn de gezonken sleepboot, genaamd PARTOUT, te Wemeldinge in het kanaal te lichten, en te Rotterdam aan de werf te leveren, gelieve hun inschrijvingsbiljetten voor a.s. zaterdagmiddag (opm: 7 november) 12 uur in te leveren bij H. Verhey, Boompjes 119, Rotterdam.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 5 november. De Deense schoener FLORA, te Terschelling binnengebracht, wordt morgen naar hier gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 november. Volgens telegram van Lloyd’s is het schip GEESSIEN BROUWER op zee verlaten gevonden (opm: zie NRC 041196, 141196 en 221296) en te Tananger bij Stavanger masteloos binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 5 november. De ANTOINETTE is omgevallen waardoor de passage voor het ogenblik versperd is.


07 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 november. Volgens telegram uit Harlingen is het gestrande schip MAGDA aldaar niet aangekomen, zoals door de Shipping Gazette werd vermeld. Het bericht is derhalve onjuist, en volgens de laatste berichten is het gestrande schip geheel verdwenen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 5 november. Lloyd's agent te Harlingen seint aan de Salvage Assoiation dat het gestrande schip MAGDA vlot is gekomen en te Harlingen werd binnengebracht. Het schip is lek. (opm: zie volgend bericht en NRC 081196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 5 november. Gisteravond werd het klokbakenschip hier binnengebracht. Zoals men weet heeft het lange tijd aan de Friese kust gelegen, en is door de Gebr. Krul afgebracht. Voor het weer op station gelegd zal worden, wordt het eerst op de sleephelling nagezien.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 6 november. Volgens bericht uit Terneuzen heeft men door het kappen der masten van het omgeslagen schip ANTOINETTE de scheepvaart weer vrij gemaakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 5 november. Heden arriveerde hier het stoomschip ROTTERDAM met stoomzuigerpomp aan boord teneinde te trachten de schoener FLORA leeg te pompen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

BERICHT. HELPT.
Diepdroevig is de oorzaak die het eiland Schiermonnikoog zich doet richten tot geheel Nederland.Een der onzen Ambrosius Visser, eerste stuurman van de FRIESLAND, kapt. Hendrik Teensma op reis naar Papenburg is in deze wateren omgekomen en met hem nog 3 anderen van dezelfde bodem. Met name Hermanus Nieboer van Pekela, Marc Brouwer van Nes op Ameland en de Duitser Robert Buren, bij hunne edele poging om de schipbreukelingen van de MAGDA, die door onze reddingboot later behouden aan wal zijn gebracht, te redden.
De boot van de FRIESLAND, met 4 man uitgezet moet in de branding zijn omgeslagen zijnde de schipbreukelingen van de MAGDA zonder volk en vol water voorbij gedreven. Ambrosius Visser die voor anderen gestorven is, laat een weduwe na met 3 kinderen, waarvan de oudste 3 jaar is,terwijl het jongste heden (2 november) geboren werd. Met hem is voor vrouw en kinderen alles weg. Hij heeft gehandeld in de geest van zijn bejaarde vader, die reeds 20 mensen meehielp te redden en onder al zijn smart de schone woorden sprak: "het is zo aantrekkelijk mensenlevens te redden".
Schiermonnikoog, trots op de nagedachtenis van Ambrosius Visser, vraagt voor zijn dierbare hulp. En aangezien de commissie nog onbekend is met de nagelaten betrekkingen der 3 andere verongelukten neemt ze zich voor de in te komen gelden naar de evenredigheid van de behoeften onder de achtergeblevenen te verdelen. Van een en ander zal te zijner tijd in dit blad melding gemaakt worden. Al de commissieleden verklaren zich gaarne bereid giften in ontvangst te nemen.
De commissie van bijstand:
A. Bruins Slot, burgemeester
Dr L. Bahler, predikant
W. Dijk, directeur zeevaartschool
J. Oostlievense, leraar
P.J.L.Teensma, gewezen gezagvoerder
F. Fokkes
De redactie der Provinciale Groninger Courant verklaart zich gaarne bereid giften voor dit doel in ontvangst te nemen.


08 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 7 november. De FLORA is heden naar Harlingen gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Pieterburen, 6 november. Het wrak van het schip DEO GRATIA, beladen met haring, 15 oktober westwaarts van Rottum gestrand, is door schipper T. Visser van Westernieland aangekocht van de Ges. Germania te Rhauderfehn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Schiermonnikoog, 5 november. Het gestrande schip MAGDA ligt benoorden Simonszand geheel overzij en is alleen bij laag water zichtbaar. De lading spoelt eruit.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 7 november. De blazerschuiten MA 124 en 137 arriveerden alhier met tuigage en inventaris van het gestrande en alhier binnengebrachte Deense schoenerschip FLORA.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. Het tweede stoomschip, dezer dagen door de Holland Amerika Lijn besteld bij Harland & Wolff te Belfast, heeft naar wij vernemen de volgende afmetingen: lengte 515', breedte 59'6", holte 43'6", 10400 bruto registerton, draagvermogen ruim 10.000 ton op een diepgang van 27'6". Het stoomschip zal twee machines krijgen, die elk ongeveer 3000 paardekracht zullen ontwikkelen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 07 november. Gisteren is men weer op de STANLEY werkzaam geweest. Er konden slechts 6 balen jute worden geborgen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingfors (opm: Helsinki), 5 november. De Nederlandse schoener (opm: schoenerbrik) ADELAAR, hier na aanvaring met de schoener OTTO binnengebracht, heeft de schade hersteld, en heden de reis naar Harlingen voortgezet.


09 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kalmar, 6 november. De Nederlandse driemast schoener TJAPKO, kapt. R. Bos, van Borga (opm: Porvoo) naar Delfzijl, is hier binnengelopen met schade aan het achterschip.


10 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helsingfors (opm: Helsinki), 4 november. Het Nederlandse schip MARIA, 19 september met schade door aanvaring alhier binnen gesleept, is gisteren in veiling voor 4100 M. verkocht. De instrumenten, de kajuitinventaris en de zich aan land bevindende proviand werden afzonderlijk verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Nederlandse galjoot DINA, kapt. M. Huizinga, van Groningen naar Stockholm, strandde gisteren tijdens de Noordooster storm in de monding van de Tees (opm: PGC 111196 noemt het schip een tjalk, onderweg van Delfzijl naar Stocton [op de Tees]). De uitgezonden reddingboot slaagde er eindelijk in met levensgevaar voor haar bemanning, de kapitein, zijn vrouw en de overige opvarenden te redden, na zelf tweemaal gestrand te zijn. De galjoot sloeg naderhand uiteen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 7 november. Heden werd voor het Seeamt alhier het getuigenverhoor voortgezet inzake de aanvaring van de stoomschepen CORDELIA en ETNA. Nadat de getuigen van de beide stoomschepen waren gehoord, was de rijks-commissaris van oordeel dat de aanvaring moet worden geweten aan het ongelukkigerwijze samen vallen van het uitlopen der haven van de ETNA met het zwaaien van de CORDELIA. Laatstgenoemd stoomschip lag geankerd, omdat het geen havenloods had kunnen bekomen. De ETNA had echter zaakkundig gemanoeuvreerd, doch zou de aanvaring, indien zij een anker had laten vallen, minder hevig geweest zijn. Uitspraak later.


11 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 9 november. Volgens alhier ontvangen particulier telegram is het Nederlandse schip CAPELLA, kapt. G. Plukker (opm: bark, bouwjaar 1858, kapt. Geert Plukker), op reis van Rotterdam naar Riga, bij Domesnaes (opm: Kolkasrags, Letland) gestrand (opm: op 15 oktober) en wrak geworden. Een gedeelte der bemanning is gered en te Riga geland, de kapitein en een matroos zijn verdronken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Zeeroverij aan de kust. De rijstprijzen zijn te Makassar (opm: Ujung Pandang) binnen een betrekkelijk korte tijd van NLG 5,50 tot NLG 6,25 de picol (opm: 61,7613 kg.) gestegen en zullen nog veel duurder worden wanneer geen strenge maatregelen genomen worden tegen de zeeroverij aan de kust tussen Tonete (opm: Tanete) en Makassar. Alleen de Noordelijke districten voorzien ons van goede tafelrijst, maar door het veelvuldig uitplunderen en uitmoorden der prauwen, durven velen niet meer herwaarts te zeilen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 november. De Salvage Association ontving van Lloyd's agent te Batavia d.d. 9 november een telegram, dat behelsde, dat het Nederlandse schip JOHANNA in staat werd verklaard naar Singapore te vertrekken na de geloste lading weer ingenomen te hebben, en daar te dokken. De nodige gelden om de te Tjilatjap (opm: Cilacap) gemaakte onkosten te dekken, moeten nog gevonden worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Men schrijft ons uit Harlingen:
Aan het Noorderhoofd der buitenhaven ligt sedert een paar dagen het schoenerschip FLORA als wrak in zeer gehavende toestand en heeft veel bekijks. Met verlies van masten en inventaris op zee drijvende, terwijl de bemanning door de HERCULES naar Nieuwediep werd gebracht, maakte zich de NEPTUNUS van Terschelling gereed, om het schip aan te halen en binnen te slepen; maar bij de FLORA gekomen, zag men dat reeds een visserman zich van het gezag over de bodem had meester gemaakt; toch deed de NEPTUNUS wat zij voornemens was en bracht de FLORA hier binnen, maar beide partijen bleven aan boord en schijnen haar standpunt te willen inhouden. De lading, bestaande uit 970.000 duigen of staven voor vaatwerk, heeft in de storm misschien 70.000 stuks verloren; de overige zwollen door het zeewater, zodat men ze niet gemakkelijk zal kunnen lossen. Van lekken bespeurde men niets.


12 november 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop, voor weinig geld: een schip, groot 29 ton, en een woonschip, bij F. v.d. Werff, scheepstimmerman te Birdaard.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

St. John, N.B, 9 november. Kapt. Aarreberg, gezagvoerder van het barkschip NOACH VI (opm: Noors schip, ex-Nederlander onder dezelfde naam), is van het dek in het ruim gevallen en aan de gevolgen overleden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 november. Het Nederlandse mailschip KONINGIN WILHELMINA, hedenochtend van Batavia te Genua aangekomen, zal daar een nieuwe drijfstang inzetten, die derwaarts wordt afgezonden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 11 november. Het stoomschip ENGELAND van de Maatschappij Zeeland, dat van zaterdag op zondag (opm: 7-8 november) aan de Engelse kust aan de grond heeft gezeten, is naar Middelburg vertrokken om te dokken, daar het schade aan de bodem heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Macassar (opm: Ujung Pandang), 8 oktober. Het Duitse barkschip HELENE, kapitein Ufken, is de 24e september bij vertrek van Gorontalo gestrand en werd binnen een paar uur geheel wrak, en is de uit copra, ebbenhout en rotting bestaande lading grotendeels verloren. De bemanning werd gered. Het wrak met inventaris en lading werd voor NLG 4666 verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 november. Volgens bij de rederij van het Nederlandse barkschip OOSTENBURG ontvangen schrijven van kapitein Bron, d.d. 31 oktober Madeira, passeerde hij 27 oktober met ruw weer een schip in ontredderde toestand, met tuig overboord en noodseinen op, en werd verzocht des nachts in de nabijheid te blijven. De volgenden dag werd gevraagd de equipage over te nemen, daar het dek opgeslagen, pompen en boten stuk waren en het schip in zinkende staat verkeerde. Het gelukte na enige moeilijke tochten de equipage, 25 in getal, over te nemen en werd den 31e met behulp van een sleepboot Madeira aangedaan, waar de schipbreukelingen geland werden en waarna de OOSTENBURG zijn reis vervolgde. Het verongelukte schip was het Engelse ijzeren fregat EASTERN MONARCH, groot 1769 registerton, gevoerd door kapitein Jones, bestemd van Swansea naar Callao.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

New York, 9 november. BELLARDEN-FRIESLAND. Inzake de aanvaring van boven genoemde schepen op 7 april 1896 alhier, werd na gehouden onderzoek het Belgische stoomschip FRIESLAND de schuld toegewezen van de aanvaring.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 9 november. Door het stoomschip MOON, van Kaapstad, werd gisteren te Southampton geland de gezagvoerder en equipage van het Engelse schip EASTERN MONARCH. Dit schip vertrok de 20e oktober van Swansea naar Callao en werd de 26e oktober door een hevige storm belopen met hoge zee, waardoor het schip zo zwaar slingerde dat de grote mast brak en een groot gat in het dek veroorzaakte en de pompen vernielde. De bezaansteng kwam naar beneden, viel door het halfdek en vernielde de kajuitkap, later brak de bramsteng en begon het schip veel water te maken. Toen kwam het Nederlandse schip (opm: bark) OOSTENBURG, kapitein H.J. Bron in het gezicht, bestemd van Newcastle naar Soerabaja, dat de schipbreukelingen, die het schip wilden verlaten, opnam en te Madeira aan land bracht, waarna de reis werd voortgezet. (opm: zie ook volgend bericht)


13 november 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een goed onderhouden schip, groot 44 ton, bij de Gebrs. Van der Kolk te Leeuwarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 november. Hedenmiddag is alhier aangekomen het door de Maatschappij Zeeland gecharterde stoomschip UTINA, bestemd tot het vervoer van goederen tussen hier en Queensborough.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 11 november. Heden is het Deense schoenerschip FLORA naar de binnenhaven verhaald en wordt de lading op de werf Welgelegen opgeslagen. Het schip, dat boven de waterlijn door gedeeltelijk verlies der verschansing en doordat de bergers het grootste gedeelte der tuigage hebben afgenomen, ziet er zeer gehavend uit en is volgens de geruchten vrij hoog verzekerd, terwijl ook de lading verzekerd is. De lekkage is echter gering, daar de aan boord zijnde stoompomp slechts om de 6 uur een kwartier behoeft te werken om het schip lens te houden.


14 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Madras, 14 oktober. Het barkschip HENRIETTE ELISABETH, van Negapatam (opm: Nāgappattinam, oostkust India) naar Nicobar (opm: Nicobar Islands, 200 mijl noordwestelijk van Banda Aceh) met rijst, is op 26 juli op 09º N.B. 86º O.L. gezonken.15 Man der equipage zijn te Akyab aangekomen, doch 15 man worden nog vermist.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stavanger, 9 november. Het hier aangekomen Nederlandse kofschip GEESSIEN BROUWER, kapt. H. van der Spa (opm: zie NRC 061196), zal te Tananger lossen. Het vaartuig is zwaar beschadigd en zal vermoedelijk worden afgekeurd.


15 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brouwershaven, 14 november. Volgens rapport van de Brouwershavense loodskotter zit op de Banjaard het Engelse stoomschip WINDSOR, van Leith naar Terneuzen bestemd, aan de grond. De gezagvoerder heeft de aangeboden assistentie afgewezen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 november. Een paar dagen geleden vestigden wij de aandacht op enige zinsneden, voorkomende in een brief van de Parijse correspondent der Indépendance Belge aan zijn blad, waarin gezegd wordt dat het beslag op de DOELWIJK in strijd was met de stelligste beginselen van volkenrecht. Het is zeer wel mogelijk, zo tekenden wij hierbij aan, dat het beslag door Italië ten onrechte is gelegd; verwijzende naar het vroeger door ons aan de zaak gewijde hoofdartikel, noemden wij echter de bewering, dat het beslag in strijd zou zijn met de stelligste beginselen van volkenrecht, wat heel kras. Daarna eindigden wij als volgt: ‘Van al wat er in de pers over het geval met de DOELWIJK te doen geweest is, schijnt de correspondent maar oppervlakkig kennis genomen te hebben. Zo zegt hij ondermeer, dat de Italiaanse regering drie weken vóór de inbeslagneming een proclamatie had uitgevaardigd, waarin het ophouden van de oorlog werd aangekondigd. Dit is beslist onjuist: als er een dergelijke proclamatie werd uitgevaardigd, heeft zij niets anders kunnen bevatten dan het bericht van de staking der vijandelijkheden.’ De Scheepvaart, in haar nummer van heden de boven herhaalde woorden overnemende en de laatste zin spatiërende, verklaart kort en krachtig: ‘Hierin nu dwaalt N.R.C.’ En ten bewijze laat het de tekst van wat het een proclamatie noemt volgen, zoals die voorkomt in de Italiaanse Staatscourant van 19 juni 1896. Wij nemen de Nederlandse tekst, die de Scheepvaart naast de Italiaanse geeft, over; hij luidt:
Humbertus I, bij de gratie Gods en de wil van het volk: Koning van Italië,
Gezien de enige tekst van de wetten op de burgelijke en militaire pensioenen goedgekeurd bij Koninklijk besluit van 4 februari 1895 N. 70,
Gezien de wetten van 13 november 1853 N. 1625, - 29 januari1854 N. 1656 en 4 april 1855 N. 725, betreffende de bevordering bij het leger,
Gezien ons besluit van 18 februari 1894 op de regeling van burgelijke en militaire diensten in de Kolonie Eritrea, Gezien onze besluiten van 26 januari en 15 maart 1896, volgens welke Eritrea, het daarvan afhankelijk zijnde grondgebied en de militairen, die zich aldaar bevinden, beschouwd worden als in staat van oorlog, gehoord de ministerraad,
Op voorstel van de minister-president en minister van binnenlandse zaken en van de ministers van oorlog, van marine, van buitenlandse zaken en van justitie,
Hebben bepaald en bepalen, Enig Artikel.
Eritrea, het daarvan afhankelijke grondgebied en de militairen die zich aldaar bevinden, houden op te worden beschouwd in staat van oorlog, op de dag (datum) van het tegenwoordig besluit. Bevelende wij dat het tegenwoordig besluit, voorzien van het zegel van de Staat, worde opgenomen in de officiële verzameling van wetten en besluiten van het Koninkrijk Italië, gelastende aan ieder, wien het aangaat hetzelve in acht te nemen en te doen in acht nemen.
Gegeven te Rome, op 18 juni 1896. Humbertus.
Rudini. Ricotti. B. Brin. Caetani. G. Costa.
Wij noemden het bericht dat de Italiaanse regering een proclamatie had uitgevaardigd, waarin het ophouden van de oorlog werd aangekondigd, beslist onjuist. En wij aarzelen geen ogenblik na de openbaarmaking van de Scheepvaart deze verklaring te herhalen. Het genoemde blad is namelijk het slachtoffer geworden van een vergissing en wat het, met sommige Franse bladen, een proclamatie van het ophouden van de oorlog noemt, is niets anders dan een koninklijk besluit, verklarende dat de kolonie Eritrea ophoudt te worden beschouwd als te zijn in staat van oorlog. Het blad verwart dus twee zaken, die slechts in indirect verband staan tot elkander; gelijk wij nader zullen aantonen.
Oorlog in volkenrechtelijke betekenis, en dus oorlogstoestand, ontstaat door een oorlogsverklaring of door een oorlogsdaad. Dat zulke oorlogsdaden tussen Italië en Abessynië zijn gepleegd, behoeft wel niet nader aangetoond te worden na de reeks van bloedige gevechten, welke op de verpletterende nederlaag van de Italianen bij Adoea de 1e maart van dit jaar is uitgelopen. Met het begin van de oorlog treedt het ongecodificeerde oorlogsrecht, waartoe ook het zogenaamde droit de prise (opm: recht van prijsnemen, c.q. in beslag nemen) behoort, in werking. Het houdt op met het einde van de oorlog: door een vredesverdrag, door een wapenstilstand (welke al naar de bepalingen ervan luiden, geheel of gedeeltelijk werkt) of feitelijk, d.w.z. gelijk Bluntschli het uitdrukt, hierdoor: “dat de vijandelijkheden niet voortgezet worden en het vreedzame verkeer weder begint.” Geen van deze gevallen doet zich hier voor: vredesverdrag noch wapenstilstand is gesloten, en dat de oorlog feitelijk niet heeft opgehouden, bewijzen de verklaringen van het Italiaanse ministerie omtrent het al of niet sluiten van vrede onder bepaalde voorwaarden; bewijzen de schermutselingen, waarvan sedert 1 maart nu en dan bericht is; bewijzen eindelijk de meer dan duizend gevangenen, die zich nog in handen van de Negus bevinden.
Maar de ‘proclamatie’ dan, de zogenaamde proclamatie van het ophouden van de oorlog, aan welke, vreemd genoeg, door de Europese pers bij haar verschijning zo weinig aandacht werd gewijd dat zij, terwijl de ogen van geheel Europa op het beloop van de strijd tussen Italië en Abessynië waren gericht, nauwelijks met een woord in de grote bladen werd genoemd of door telegrafische agentschappen overgeseind ? Die ‘proclamatie’ – wij zeiden het reeds – was een koninklijk besluit, dat een zekere rechtstoestand, waarin de kolonie krachtens vroegere besluiten verkeerde, ophief. Aan het uitvoerend gezag in de moderne staten komt de bevoegdheid tot elk gedeelte van het grondgebied des rijks in staat van oorlog of in staat van beleg te verklaren (men vergelijke artikel 187 onzer grondwet, die dit recht behoudens regeling bij de wet aan de Koning verleent). Zulk een verklaring heeft zekere rechtsgevolgen, die zich natuurlijk uitsluitend tot het gebied, hetwelk zij betreft, en tot de zich daarop bevindende personen beperken; zij brengt b.v. mede ondergeschiktheid van het civiele aan het militaire bestuur, verhoging van traktement voor officieren en van soldij, andere aanspraken op pensioen en bevordering enz. Het spreekt vanzelf dat deze verandering in de bestaande rechtsorde slechts zolang gehandhaafd blijft als daartoe volstrekte noodzakelijkheid bestaat, gelijk zij eerst wordt uitgesproken, niet bij het begin van de oorlog, maar als de bestaande oorlog of oorlogsgevaar het noodzakelijk maakt. De Italiaanse ‘proclamatie’ – een enkele blik op de aanhef, waarin van pensioenen, bevordering enz. gesproken wordt, is voldoende om het te bemerken – is dus eenvoudig een koninklijk besluit tot herroeping der vroegere besluiten, waarbij Eritrea en zij die zich op het grondgebied daarvan bevonden, onderworpen werden aan de bijzondere rechtsgevolgen ener verklaring in staat van oorlog. Een voorbeeld moge dit duidelijk maken. Stel dat ons land in oorlog geraakt met Engeland en de hoogste autoriteit in onze koloniën de noorwestkust van Java verklaart in staat van oorlog. Na enige tijd blijkt echter hiertoe geen noodzakelijkheid meer te bestaan en de verklaring wordt, hoewel de oorlog in volle gang blijft, ingetrokken. Er wordt na die intrekking door een derde een schip met wapens naar Batavia gezonden en de Engelse regering, met de onze in oorlog, brengt het op en verklaart het goede prijs. Zou er iemand zo onnozel zijn zich hiertegen te willen verzetten met de bewering dat Batavia, de plaats van bestemming, immers niet meer ‘in staat van oorlog’ verkeerde, of dat er aan de oorlog een eind was gekomen door de intrekking van het besluit waardoor die stad in staat van oorlog was verklaard ? Dit zou gelijk staan met te zeggen dat het uitvoerende gezag van enig land het in zijn macht heeft, door het uitvaardigen en intrekken van dergelijke verklaringen beurtelings oorlog en vrede te maken, gelijk het dat goedvindt. Menelik (opm: keizer Menelik II) die, gelijk onze Romeinse correspondent vroeger schreef, uitstekend de pers weet te inspireren, heeft, zelf onwetend of op de onwetendheid van anderen speculerend, de maatregel van het uitvoerend Italiaanse gezag willen doen doorgaan voor een daad van volkenrechtelijke betekenis. Enige Franse bladen, de Figaro o.a. en de genoemde correspondent der Indépendance, hebben zich willens of onwillens tot zijn tolken gemaakt en men kan het de Scheepvaart niet kwalijk nemen dat ook zij erin gelopen is. Zij had slechts zo voorzichtig moeten zijn ons niet van dwaling te betichten op grond van argumenten, die haar onwetendheid verraden.
Nadat eergisteren de termijn was afgelopen binnen welke belanghebbenden bij de DOELWIJK gelegenheid hadden, stukken over te leggen, heeft het Tribunal des Prises te Rome zijn eerste zitting gehouden. De documenten werden onderzocht en in orde bevonden. Het gerechtshof stelde vervolgens een termijn van 20 dagen vast, na de kennisgeving aan partijen, waarin deze van de akten kennis kunnen nemen en definitieve conclusiën indienen. Na deze termijn neemt het gerechtshof zijn beslissing.


16 november 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Vier schepen te koop: één nieuw, groot 21 ton, drie halfsleten, groot 27, 17 en 17 ton. Te bevragen bij de wed. A.L. Hoekstra te Rohel.


17 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Delfzijl, 15 november. De driemast schoener TJAPKO, kapt. Bos met schade te Calmar (opm: Kalmar) binnen, zal van daar naar hier worden gesleept. (opm: zie PGC 220197)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rio Grande, 12 oktober. In de nacht van 4 op 5 dezer werd het Nederlandse driemast schoenerschip THALASSA, van Missoro, met een lading zout, 15 mijl benoorden de baar hier aan de grond gezet. Het was stormachtig weder en het schip was lek. De gezagvoerder kapitein Kappen en 4 personen der bemanning zijn verdronken, doch de vrouw van de kapitein en 2 man werden gered. Schip en lading zijn verloren. Het wrak werd voor 290 en de lading voor 5 Millereis verkocht. (opm: zie ook PGC 101096)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 14 november. De Nederlandse Waterstaat heeft een overeenkomst gesloten met een Antwerpse maatschappij voor het opruimen der Zweedse, met hout geladen bark ANTOINETTE, die op de rede van Terneuzen is omgeslagen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 13 november. Het particuliere verlichtingsvaartuig ten behoeve van de vreemde vissersvaart, is heden weder op de rede van dit eiland gelegd en ontstoken.


18 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terneuzen, 16 november. De Zweedse bark ANTOINETTE is vergezeld van een vaartuig met stoompompen, enz. door twee sleepboten uit de haven naar de rede gesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 16 november. Gedurende 1894 kwamen te Harlingen binnen 28 stoomschepen met een houtlading, waarvan 18 uit Sundsvall. In 1895 kwamen 23 schepen binnen, waarvan 13 uit Sundsvall en in 1896 kwamen 28 stoomschepen aan, waarvan 12 uit Sundsvall.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Door de rechtbank te Edinburgh werd inzake de aanvaring op 15 maart laatstleden te Leith tussen het Nederlandse stoomschip TALISMAN en de Engelse sleepboot TYNE, die elkaar wederkerig de schuld gaven en GBP 100 vorderden, uitspraak gedaan in het voordeel van de TYNE voor GBP 86, 16 shilling en 8 pence schadevergoeding en de kosten.


19 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 16 november. Volgens telegram uit Kopenhagen zit het tjalkschip ONDERNEMING, kapt. H.W. Boerma, van Libau (opm: Liepaja) naar Newcastle, bij Saltholmen (opm: dwars van Kopenhagen) aan de grond. (opm: zie PGC 231196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Westernieland, 17 november. Het gestrande schip MAGDA is westwaarts gedreven tot de rand van de Lauwers. Het schip ligt reeds in drie stukken, waarvan twee nimmermeer boven water komen. Ook de DEO GRATIA ligt reeds in drie delen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 november. Het voor rekening der Hollandsche Stoomboot Maatschappij gebouwde stoomschip RIJNSTROOM, voor de dienst op Hull bestemd, dat 22 oktober laatstleden te Sunderland te water werd gelaten, deed heden de officiële proeftocht, waarna het van Sunderland herwaarts komt om weldra in dienst te worden gesteld.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Lemvig, 15 november. In Fjaering District is aan het strand een naambord gevonden van het Nederlandse schip EDSKE SMIT. (opm: zie NRC 201196)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Krimpen aan de Lek, 18 november. Volgens bij de reder ontvangen telegram was het viermastschip JEANNETTE FRANÇOISE, kapitein Bleeker, de 17e dezer van Java te Delagoa Baai (opm: Madagascar) aangekomen. Het schip had op de baar zwaar gestoten, doch was dicht gebleven. Voor verleende assistentie werd GBP 60 betaald.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 november. Het schip ANTOINETTE met hout geladen, dat te Terneuzen omsloeg, is overeind gebracht. Het wordt vandaag door sleepboten naar hier de rivier opgesleept. Het schip is vol water en drijft op de lading.


20 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 november. De Nederlandse driemastschoener EDSKE SMIT, waarvan 15 dezer een naambord aan de Noorse kust is gedreven (opm: zie NRC 191196), vertrok 17 november van Middlesbro naar Norrköping. Dit naambord is zeker op een vroegere reis verloren geraakt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 19 november. Het stoomschip SPAARNDAM is aangevangen met het lossen van een gedeelte der lading. Een lichter met graan is reeds vertrokken.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 19 november. Het stoomschip SPAARNDAM, hedennacht om 01.40 uur van New York hier aangekomen, liep bij Den Hoorn aan de grond. De passagiers werden door de tender COLUMBUS van boord gehaald. De sleepboten WODAN en PERNIS hebben te vergeefs beproefd het vlot te slepen. Een lichter ligt langszij.


21 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping. Dinsdag 24 november 1896, ’s morgens 11 uur, zal publiek à contant worden verkocht, in kavelingen, het afgekeurde schip IDA BOUWINA, kapt. J. Douwes, groot 148 register tonnen, met deszelfs inventaris, thans liggende in het Eemskanaal te Groningen. De inventaris, ankers, kettingen, touwen en zeilen zullen het eerst in kavelingen worden verkocht, daarna de romp. Alles te bezien vanaf maandag 23 november 1896.
Hs. Drewes, deurwaarder


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 21 november. Na ongeveer 1000 ton aan graan en stukgoederen in lichters te hebben gelost, is het stoomschip SPAARNDAM hedenochtend te 03.10 uur met behulp der sleepboten WODAN, ZEELAND, NIEUWERSLUIS, PERNIS en de tender COLUMBUS vlot gekomen en naar Rotterdam opgestoomd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De heren W. Ruys & Zonen te Rotterdam, boekhouders van het stoomschip DOELWIJK, delen in De Scheepvaart de volgende feiten mede betreffende de kwestie met genoemd schip:
‘Wij hebben in maart ons stoomschip DOELWIJK in maandcharter bevracht aan een Franse firma met de wetenschap, dat er oorlogsmaterieel mede vervoerd zou worden. Volgens het charter had die firma het recht, het schip met die lading te zenden naar alle neutrale havens, dus niet naar een haven waar oorlog was. Wij meenden, en menen nog, dat ons schip geen gevaar liep bij het vervoer van oorlogsmaterieel van een neutrale haven naar een neutrale haven. – Dat dit onze mening was, blijkt uit omstandigheden. Vooreerst dat wij geen hoge vracht bedongen, GBP 435 per maand in Europese wateren; GBP 510 per maand voor het varen in Indische wateren. Ten tweede uit het feit, dat wij het schip niet tegen oorlogsmolest verzekerd hadden. – Na in verschillende havens in Rusland geladen te hebben, kwam het schip de 12e mei te Maassluis, waar het moest bijladen en wachten op orders van de bevrachters. Het schip vertrok 12 juli naar Port Said, waar het orders kreeg naar Djibouti, een Franse haven in de Golf van Tadjuro, even bezuiden de Rode Zee. Op 10 mijl afstand uit de Franse kust, 20 mijlen bezuiden Perim (opm: eiland in Straat Bab el Mandeb, tussen Rode Zee en Golf van Aden), is het schip in open zee door Italië genomen.
Zoals boven gezegd, hadden wij het onnodig geoordeeld het schip tegen molest te verzekeren. Maar terwijl het stomende was in de Middellandse Zee, bleek ons, dat van verschillende kanten allerlei informatiën naar het uiterlijk aanzien van het schip genomen werden, zoals betreffende tuigage, kleur, etc. Een der grootste aandeelhouders in het schip drong er, toen hij dit hoorde, op aan, dat wij het molest verzekeren zouden. De reden daarvan was de vrees, dat, als de DOELWIJK door een oorlogschip gelast werd om bij te draaien, en wanneer daaraan niet terstond voldaan werd, een schot kon volgen. Het is een bekende zaak in de assurantie, dat als een schip door zulk een schot lek wordt en zinkt, dit door assuradeurs wordt aangemerkt als een daad van molest, in welk geval de assuradeur de schade niet behoeft te betalen, tenzij hij ook het molest verzekerd heeft. – Wij sloten toen op 1 augustus de molestrisico te Londen, natuurlijk onder volledige opgaaf van de lading en de bestemming. En dat men te Londen onze mening over het geoorloofde van dat vervoer deelde, blijkt hieruit, dat de NLG 100.000, die wij wilden verzekeren, dadelijk door 4 der allereerste compagniën te Londen genomen werd voor één procent.
Wat de reden was, dat de bevrachters het schip zo lang te Maassluis op order lieten wachten, wisten wij toen niet. Later is het volgende gebleken. Het Franse gouvernement had de uitvoer van wapenen uit Djibouti naar Abyssinië verboden, en eerst na de opheffing van dat verbod ten gevolge van de verklaring van Italië, dat de staat van oorlog in Eritrea had opgehouden, heeft het Franse gouvernement die uitvoer weer toegestaan. Eerst daarna hebben de bevrachters naar Maassluis de order tot vertrek van de DOELWIJK gegeven.’
(opm: zie o.a. ook NRC 110896, 140896, 150896, 200896, 230896 en 231296)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Dinsdag 24 november 1896, ’s morgens 11 uur, zal publiek à contant worden verkocht, in kavelingen, het afgekeurde schip IDA BOUWINA (opm: zie PGC 221096), kapt. J. Douwes, groot 148 register tonnen, met deszelfs inventaris, thans liggende in het Eemskanaal te Groningen. De inventaris, ankers, kettingen, touwen en zeilen zullen het eerst in kavelingen worden verkocht, daarna de romp. Alles te bezien vanaf maandag 23 november 1896.
Hs. Drewes, deurwaarder


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Hamburg, 18 november. Het wrak van de Nederlandse tjalk AURORA dat reeds geruime tijd te Steinwärder (opm: in de stad Hamburg) heeft gelegen werd heden voor 400 Mark aan een scheepstimmerman te Steinwärder in publieke veiling verkocht. (opm: zie NRC 021096)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 20 november. SPAARNDAM. Ook hedenochtend niet vlot gekomen. Vijf lichters met graan zijn reeds naar Rotterdam gesleept. De sleepboten WODAN, NIEUWERSLUIS, ZEELAND, PERNIS en de tender COLUMBUS trokken vruchteloos. Het vaarwater is geheel vrij. Het stoomschip had bij binnenkomst 71 dm diepgang.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 19 november. De sleepboot HIT heeft hedenmiddag het wrak van een bomschuit, afkomstig uit Pernis, op Rozenburg op het droge gezet, om aldaar te worden gesloopt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 19 november. Uit Batavia wordt geseind dat men verlangt om toestemming te verkrijgen, ten einde het schip JOHANNA van Tjilatjap (opm: Cilacap) naar Batavia te slepen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Helder, 20 november. Heden is op de Razende Bol een schip gestrand. Twee sleepboten vertrokken derwaarts.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 20 november. Een onbekend stoomschip met twee masten en een schoorsteen met witte rand, is in de Engelse hoek gestrand, vermoedelijk Engelse vlag. Het vraagt om hulp van sleepboten.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 20 november. In de gronden is gestrand het Engelse stoomschip MULA, kapitein Miller, met steenkolen van Shields naar Harlingen bestemd. De equipage is gered. Het achterschip zit onder water, dus zal het vermoedelijk wrak worden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Maassluis, 20 november. Het stoomschip SPAARNDAM ving heden namiddag om 06.30 uur weder aan met lossen in vier lichters.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 18 november. Het Nederlandse schip ARIADNE, dat bij Westkapelle tijdens mistig weer aan de grond geraakte, doch zonder assistentie vlot kwam, zal hier in het droge dok onderzocht worden.


22 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 21 november. Het bericht van de stranding op de Razende Bol, wordt niet bevestigd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 20 november. De Nederlandse tjalk GEESSIEN BROUWER is te Stavanger afgekeurd.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Terschelling, 21 november. Het stoomschip MULA is totaal verloren. Het zit geheel onder water.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 17 november. Het Belgische stoomschip BELGIQUE van Antwerpen naar Bayonne, liep hier gisteren binnen met verlies van twee schroefbladen en schade aan enige platen, en lek. Het heeft op een klip of wrak gestoten.


23 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 21 november. Het bij Saltholmen (opm: dwars van Kopenhagen) aan de grond geraakte Nederlandse schip ONDERNEMING kwam zonder assistentie en zonder schade weer vlot en vervolgde de reis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 21 november. Het Nederlandse barkschip MERCURIUS, laatst gevoerd door kapt. P. Kuiper, is heden tot geheime prijs verkocht uit de hand aan de heer S. de Boer te Makkum om gesloopt te worden.


24 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 23 november. Het stoomschip BRUXELLES, van Natal naar Buenos Aires in ballast, is door het stoomschip CLAN CAMPBELL met verlies van schroef en gebroken schroefas, te East Londen binnengesleept.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Hamburg, 21 november. Heden werd door het Seeamt alhier uitspraak gedaan in zake de aanvaring tussen de stoomschepen CORDELIA en ETNA. Deze luidt als volgt: De aanvaring tussen de stoomschepen CORDELIA en ETNA op de avond van 30 oktober alhier in de haven, welke het zinken van de CORDELIA ten gevolge had, moet in de eerste plaats daaraan worden toegeschreven, dat de CORDELIA en het voor haar opkomende stoomschip HAMILTON geen havenloodsen hadden bekomen en de CORDELIA, om niet het voor haar op stroom drijvende stoomschip HAMILTON te veel te naderen en tevens om op de havenloods te wachten, in de nabijheid van Sandtorhafen voor anker moest gaan, waar zij door het daarop wegens de vloed gevolgde zwaaien in aanvaring kwam met het uit de Sandtorhafen komende stoomschip ETNA. Aan de CORDELIA valt geen schuld te wijten. Direct verkeerde manoeuvres zijn ook op de ETNA niet voorgekomen, doch had men op dit stoomschip na het zien van het ankerlicht van de CORDELIA nog grotere voorzorgen moeten aanwenden en tenslotte op het gegeven commando van de loods het anker moeten laten vallen. Een vermeerdering van de Hamburger havenloodsen is, na de verklaring van de overheid, met het oog op het toenemende scheepvaartverkeer, reeds in overweging genomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Harlingen, 21 november. Uit het hier binnengebrachte schoenerschip FLORA, is de lading, bestaande uit 913.500 duigen, bijna geheel gelost. Het lossen ging echter zeer bezwaarlijk, daar het dek opgezet, de dekbalken ontzet en gebroken zijn en de duigen door het water uitgezet. Bovendien is ook de spiegel van het schip ontzet, zodat men verwacht dat het de kosten der reparatie niet waard zal zijn.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 november. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram heeft een expert het volgende gerapporteerd aangaande het stoomschip CONRAD: kolommen en fundatieplaten verschoven, condensor en krukas gebroken, verloren stoompijp defect, de stangen op de assen verbogen, en andere schade. De schade kan hier niet gerepareerd worden. Een tweede onderzoek zal plaats hebben.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 november. Volgens bij Lloyd’s ontvangen telegram ligt het Nederlandse schip CONRAD, van Amsterdam naar Batavia, in de straat van Perim met defecte machine geankerd. Op dit ogenblik wordt geen assistentie verlangd. De gezagvoerder wacht op orders van de reders.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Brest, 18 november. Het stoomschip BELGIQUE, dat hier in de nacht van de 16e binnen lag, heeft bij Port Sal op de klippen gestoten. De lading wordt onderzocht en het stoomschip zal op de sleephelling worden gehaald om onderzocht te worden.


25 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 november. Volgens alhier ontvangen particulier bericht heeft het Nederlandse schip MELATI, van Java te Ponta Delgado (opm: waarschijnlijk Ponta Delgada, Madeira) aangekomen, op rotsen gestoten. De kapitein rapporteerde echter dat het schip dicht is.


26 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 november. De Loodsschoener No. 5 is in aanvaring geweest met de Engelse schoener TRIUMPH bij Dungeness, die zwaar beschadigd is.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 november. Volgens telegram van Lloyd's is het stoomschip CONRAD door de sleepboot van de Kolen-Maatschappij ter rede van Perim gesleept. Er zal onmiddellijk een tweede onderzoek plaats vinden. Er werd geen accoord gemaakt. Volgens bij Lloyd's ontvangen telegram uit Perim verklaarden de experts aldaar dat het stoomschip CONRAD voldoende gerepareerd kan worden om met verminderde kracht naar Nederland terug te keren. De tijdelijke reparaties kunnen daar bewerktstelligd worden.


27 november 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 25 november. De Nederlandse koftjalk ORA ET LABORA, kapt. J. Smit, van Liverpool met zout naar Nederland, is in de mond van de Mersey gestrand en omgeslagen. De bemanning werd gered (opm: door de CITY OF LONDON en te Liverpool aan land gebracht; zie verder NRC 011296, 021296 en 031296).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 25 november. Het onlangs door de Fa. Duinker & Goedkoop alhier aangekochte driemast schoenerschip FRITS FABER BEUKEMA heeft de naam gekregen van VOORWAARTS, onder welke naam het thans in lading ligt voor Suriname. Het schip zal worden gevoerd door kapt. W. Hazewinkel.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Antwerpen, 26 november. Het stoomschip ARIADNE werd hier in het droogdok onderzocht en genoegzaam onbeschadigd gevonden. Het vertrok gisteren van hier naar Marseille.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlieland, 26 november. Het wrak van het stoomschip MULA zal door de waterstaat worden opgeruimd.


29 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 27 november. De 2e hofmeester van het stoomschip KONINGIN WILHELMINA van de Maatschappij Zeeland, dat thans te Glasgow ligt, om te repareren in het Cessnock dok, werd beboet voor 9 GBP 10 shilling, benevens gerechtskosten, wegens het niet aangeven van belastbare goederen, bestaande uit 7 gallons jenever, 62 pond gebrande koffie en 7 pond thee, die voor gebruik der bemanning aan boord waren gehouden.


30 november 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 28 november. Voor het Admiraliteitshof is heden een aanvang gemaakt met de eis tot bergloon door de reders van het stoomschip LAMMERMOOR voor verleende assistentie aan het Nederlandse stoomschip WILHELMINA, toen het de 16e juli bij kaap Sabinal aan de grond kwam. Het stoomschip LAMMERMOOR trachtte het af te slepen, en omdat het schip was verschoven, werd verdere dienst van de LAMMERMOOR afgewezen, en werd een Spaanse sleepboot aangenomen ter assistentie.


01 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 30 november. Het koftjalkschip ORA ET LABORA werd te Liverpool in het dok gesleept (opm: zie PGC 271196).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 28 november. De Nederlandse schoener IDA BOUWINA, bevaren door kapt. J. Douwes, gebouwd in 1857, groot 147 register-ton, thans te Groningen liggende, is aldaar verkocht voor NLG 390 aan de heer Passeer om te worden gesloopt. De inventaris, die afzonderlijk werd verkocht, bracht NLG 270 op. (opm: zie NRC 010697)


02 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 30 november. Het tjalkschip ORA ET LABORA, dat vroeger reeds werd vermeld als gestrand, is vlot gekomen en werd te Tranmere aan de grond gezet. Zoals in ons vorig nummer is vermeld, werd het later te Liverpool in het dok gesleept.


03 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 2 december. De Loodsschoener No. 5, van Texel, schipper Dijker, welke de vorige week in het Engels Kanaal in aanvaring is geweest, is heden met verlies van de kluiverboom binnengekomen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Liverpool, 30 november. Het kofschip ORA ET LABORA werd, nadat het van het strand te Tranmere werd afgesleept, op de kingsblokken (opm: bedoeld zal zijn: kimblokken) gezet en daar verbreeuwd, waarna het in het Herculaneum dok (opm: gegraven havenbassin) werd gesleept.


04 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 december. Volgens bericht van Lloyd's is het Nederlandse stoomschip PRINSES SOPHIE van Batavia naar Amsterdam, met lekke stoomketels te Colombo aangekomen. De benodigde reparatie zal 3 dagen duren.


07 december 1896


  DS - Dagblad Scheepvaart

Delfzijl, 5 december. De Nederlandse schepen HILLECHIENA HELENA, E.P. Brouwer, FRIESLAND, Teensma en CONCORDIA, Kuiper, liggende te Emden, zijn aldaar in winterlaag opgelegd.


  DS - Dagblad Scheepvaart

Te Delfzijl aangekomen HONNEGINA (opm: tjalk), B.G. Mulder, van Guernsey.


08 december 1896


 ZZN - Zierikzeesch Nieuwsblad

Rotterdam, 5 december. Te Rotterdam is donderdagmiddag (opm: 3 december), bij het zwaaien voor de stad, de afvarende stoomboot JOHAN DE WIT II, van de rederij Fop Smit & Co, zodanig in aanvaring gekomen met de stoomboot TELEGRAAF, van de firma Braakman & Co, dat van eerst genoemd vaartuig de raderkast werd verbrijzeld en de bemanning zich genoodzaakt zag, naar de wal te stomen, teneinde goederen en passagiers op een ander vaartuig over te laden. De TELEGRAAF kreeg averij aan het voorschip. Er deden zich geen persoonlijke ongelukken voor.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Dover, 5 december. Het Belgische mailschip RAPIDE van de Ostende-Dover lijn, heeft tijdens de hevige zuidelijke storm tegen de nieuwe havenwerken gestoten, en daaraan schade toegebracht. Het leed schade aan het achterschip.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 5 december. Te Dover werd tijdens de hevige storm, die gisteren en heden met de kracht van een orkaan recht op de wal woei, een schip gezien dat op de haven aanhield. Het bleek de mailboot RAPIDE te zijn, die trachtte langszij van de Admiraliteitspier te komen. Dit mislukte echter en het stoomschip dreef naar de klippen aan de oostzijde van het Noorderhoofd. Het kwam met het hoofd in aanvaring, doch was in staat, achteruit werkende, vrij te komen. De veroorzaakte schade is nog onbekend. De storm is één der hevigste, die sinds jaren gewoed heeft.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Alblasserdam, 6 december. De Nederlandse sleepboot OCEAAN, kapitein G.H. Bouman, van L. Smit & Co, directie de heren Murk Lels & Zoon, is gecharterd om het stoomschip CONRAD van de Maatschappij Nederland, thans te Perim met defecte machine, van daar te slepen naar Amsterdam of een Engelse haven. De sleepboot wordt met alle spoed voor de reis gereed gemaakt.


09 december 1896


  DS - Dagblad Scheepvaart

Delfzijl, 8 december. De Nederlandse brik VICTORIA, kap. Bas, 14 november van Sundsvall hier aangekomen en verder opgesleept naar Groningen, is, na de lading aldaar te hebben gelost, naar hier teruggekeerd, om in de winterlaag te worden gelegd.


  DS - Dagblad Scheepvaart

In een deel onzer oplage van gisterenavond konden wij nog mededelen, dat de DOELWIJK met de lading was vrijgegeven.
Uit een bericht van Reuter blijkt evenwel, dat het prijsgerecht het opbrengen wettig heeft verklaard, doch ten gevolge van het sluiten van de vrede verbeurdverklaring van schip en lading niet meer nodig achtte. Zij blijven dus ter beschikking van de eigenaars, zonder dat deze recht hebben op vergoeding wegens geleden schade.


10 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 december. Volgens bij Lloyd's ontvangen bericht van Soerabaja, is de Nederlands-Indische bark MARY BLAIR op de 7e november bij Banjarmasin totaal verongelukt.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 december. Volgens hier ontvangen particulier telegram heeft het stoombaggerschip POLLUX, de 7e dezer in de haven van Giorglu (opm: Giurgiu) aan de Donau gestoten, waardoor de achtersteven brak en het roer zwaar beschadigd werd.


11 december 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Uit de hand te koop: een welgelegene, zeer beklante scheepstimmerwerf, waarin vergunning, gelegen te Rohel onder Harkema-Opeinde. Te bevragen bij de eigenares wed. A.L. Hoekstra te Rohel. Aan hetzelfde adres ook nog 3 schepen te koop, een nieuw, groot 21 ton, twee halfsleten, 17 en 27 ton (opm: zie LC 161196).


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 december. Volgens telegram van Kaap Vincent, heden bij de Stoomvaart-Maatschappij Nederland ontvangen, heeft het stoomschip PRINS ALEXANDER, bestemd naar Batavia, in de Golf van Biscaye veel zwaar stormweer ondervonden, waardoor belangrijke schade aan dek werd veroorzaakt. De schade zal, naar de gezagvoerder seint, te Genua hersteld worden, het werk zal 2 dagen vorderen.


13 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 12 december. De mailboot KONINGIN WILHELMINA is gisteren van Glasgow vertrokken en wordt zondag hier binnen verwacht, om dan spoedig de dienst op Queensboro te hervatten.


15 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 13 december. Het barkschip ANNETTE JANTINA, kapt. Van Dijk, van Trinidad naar Londen, is met schade aan de voorsteven en enigszins lek te Gravesend binnengesleept, zijnde in de Downs in aanvaring geweest. (opm: zie volgend bericht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 december. Het 11 dezer van Bilbao aangekomen stoomschip DORDRECHT heeft op reis ontzettend weer doorstaan. Reeds dadelijk na het vertrek werd het schip door een vliegende storm met hemelhoge zeeën belopen. Een zee brak over het voorschip, sloeg het voorluik in en veroorzaakte veel schade aan de brug en sloepen. Zoveel mogelijk werd het luik voorzien. Voor de ingang van het Kanaal brak weder een hevige storm los, waardoor het schip zwaar werkte. Naden sprongen, de dekken werden ontzet, en nog meer schade werd aan brug en luiken veroorzaakt.


16 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 december. De ongerustheid waarin men te Katwijk verkeerde wegens het wegblijven van de bom KW 6, is helaas treurige zekerheid geworden. Uit Scheveningen ontving de heer F.E. Meerburg, eigenaar van de genoemde bom, bericht, dat door het stoomschip MINERVA van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij alhier, dat 13 november van hier naar Lissabon is vertrokken, in de nacht van 14 november op de hoogte van Scheveningen vermoedelijk een vissersvaartuig was aangevaren. Volgens genoemd rapport ontdekte men aan boord van genoemd stoomschip eerst na het terugstomen een licht, en hoewel onmiddellijk een boot werd uitgezet, viel er niets meer te redden. Bij deze ramp verloren tien personen het leven, namelijk vier gehuwden en zes ongehuwden van 12 tot 17 jaar.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Gravesend, 13 december. De gezagvoerder van het Nederlandse barkschip ANNETTE JANTIENE, van Trinidad hier aangekomen, heeft op de reis veel stormweer gehad, vooral op 26 november op 43º04' N.B. en 23º05' W.L, toen het door een orkaanachtige storm belopen werd, waardoor veel schade aan dek en boten werd veroorzaakt, en er veel water door de kragen der masten, die stuk geraakten, beneden op de lading kwam. Ook werden vele zeilen verloren. De 8e dezer, op 46º37' N.B. en 14º W.L, viel een apprentice (opm: leerling) uit het tuig en is verdronken.


17 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 15 december. De inventaris en tuigage van het gesloopt wordende Nederlandse schip MERCURIUS (opm: zie PGC 231196) bracht heden in publieke veiling NLG 1647,55 op. Het casco der MERCURIUS zal naar Makkum worden gesleept.


18 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Norrköping, 11 december. Het afgekeurde Nederlandse schip STAD STEENWIJK is thans verkocht naar Stockholm verkocht en heden gesleept door het s.s. THEKLA derwaarts vertrokken. (opm: zie o.a. PGC 191096)


19 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 17 december. Heden had alhier de verkoop plaats van het wrak van de tussen Petten en Egmond gestrande Belgische stoomtrawler LOUISE MARIE. Koper werd de heer G. Timmerman te Petten voor NLG 256. De geborgen inventaris heeft NLG 184 opgebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 december. Blijkens telegram uit Perim, is de CONRAD direct begonnen met het overwerken van de lading in het stoomschip LOMBOK, dat gisteren te Perim was aangekomen.


21 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bremerhaven, 17 december. De Nederlandse kof ZEEMEEUW, groot 74 ton, in 1874 gebouwd, die hier op 23 november van Wemyss is aangekomen en sedert voor de winter is opgelegd, is verkocht aan een Groninger rederij, naar men zegt voor 6000 mark. De kof zal weder in de vaart gebracht worden en vertrekt morgen naar Oldenburg om aldaar flessen te laden voor Londen.


22 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Stavanger, 11 december. De Nederlandse kof GEESSIEN BROUWER, die verlaten en vol water drijvende op de lading te Tananger werd binnengebracht, is gisteren in publieke veiling voor 920 kronen naar Bergen verkocht en zal zondag (opm: 13 december) derwaarts gesleept worden om daar als kolenhulk te worden ingericht. De lading werd voor betrekkelijk goede prijzen voor het grootste gedeelte naar hier verkocht.


23 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 22 december. Het Nederlandse barkschip OOSTENBURG, kapitein Bron, van Newcastle naar Soerabaja, is met verhitte lading te Simonsbaai binnengelopen. (opm: zie NRC 271296)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Bij het Italiaanse prijsgerecht inzake de DOELWIJK werd door de regeringscommissaris een memorie ingediend, gedagtekend 12 november 1896. Het stuk vangt aan met een uiteenzetting van de feiten. De Italiaanse regering ontving in mei 1896 door haar diplomatie bericht van het aanstaand vertrek van de DOELWIJK met een grote lading wapenen en ammunitie, bestemd voor de koning van Abessinië. Het schip had een deel van de lading ingenomen te Reval (opm: Tallinn) en te Riga, was daarop de 17e mei naar Nederland gekomen om bij Rotterdam de lading vol te maken en vertrok van daar de 12e juli naar de Rode Zee. Het schip behoorde aan de firma W. Ruys & Zoon en was destijds voor drie maanden vervracht aan het Franse huis La Carrière son Fils & Cie. De bemanning was gemonsterd voor Kuratchee (opm: Karachi), een haven in Hindustan, maar de bestemming waarmede het schip de 12e juli vertrok, was Port Said voor orders. Toen het intussen de 8e augustus de straat van Bab-el-Mandeb uitvoer, wendde het, in plaats van de reis naar Indië te vervolgen, de koers naar de Franse haven van Dzjiboeti (opm: Djibouti). Toen werd het achtervolgd door de Italiaanse kruiser ETNA, aangehouden en opgebracht op een afstand van ongeveer 11 mijlen van de Franse bezittingen. Het werd opgebracht naar Massaua (opm: Massawa, thans Mits’iwa) en daar hadden onderzoek, inventarisatie enz. plaats. Geïnventariseerd werden 45316 karabijnen en geweren, bijna alle van een bajonet voorzien, 6200 sabels en 5.025.832 projectielen. De kapitein gaf op, dat hij de koers naar Dzjiboeti had genomen om een passagier, de heer Carette, te ontschepen, wiens naam echter niet op de scheepspapieren voorkwam en die zich ingescheept had te Suez. De wapenen zouden naar zijn verklaring bestemd zijn geweest naar Kuratchee. (opm: sterk bekort; zie een aantal vroegere berichten over dit schip)


24 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gothenburg, 19 december. Het brikschip VLAANDEREN, groot 426 ton, is voor ca. 11000 kronen verkocht naar Blidö (opm: Norrtälje) aan J.R. Österman & Cons. en zal gevoerd worden door kapt. Österman.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een best nieuw roefschip, 21 ton; een in aanbouw zijnd schip, plm. 27 ton; een best halfsleten plegtschip, 28 ton; een praam met luiken, 14 ton, bij O.H. v.d. Werff te Buitenstvallaat bij Dragten.


25 december 1896


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een nieuw roefschuitje, bijna klaar, best gemaakt van droog eikenhout, 15 à 16 ton, met of zonder tuig, en een oud roefscheepje, 14 ton. Voor zeer billijke prijzen te koop bij L.O. Lantinga, scheepstimmerbaas te IJlst.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Philadelphia, 22 december. De kosten van reparatie aan het stoomschip CHARLOIS worden op 18000 dollar geschat en zullen een oponthoud van 14 dagen vergen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 23 december. Een proeftocht heeft de afgelopen week plaats gehad met gunstig gevolg van het te Grangemouth voor Nederlandse rekening gebouwde tankstoomschip BERANDAN, bestemd voor het vervoer van petroleum in Nederlands-Indië. Genoemd stoomschip is ingericht om zowel kolen als olie voor brandstof te gebruiken. Na drie uren met kolen stoom gemaakt te hebben, werd er drie uur met olie gestookt. De overgang van het stoken op kolen op het stoken met olie geschiedde onmiddellijk en zonder verandering van de vuurhaarden.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

St. Nazaire, 22 december. Het Belgische stoomschip ADOLPH DEPPE te Crosie (opm: bedoeld zal zijn: Le Croisic, 12,5 mijl westelijk van St. Nazaire) gestrand, zit vol water. Er zal slechts weinig geborgen kunnen worden.


27 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 december. Volgens bij de directie der Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij ontvangen telegram is het Nederlandse stoomschip JUPITER, van Amsterdam naar Reval (opm: Tallinn), 24 dezer des avonds wegens mist bij het eiland Nargen (opm: Naissaar) gestrand en zit het voorruim vol water. De kapitein maakte accoord met de bergers. Men hoopte het schip de volgende dag te Reval binnen te brengen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 december. Volgens een bij Lloyds ontvangen telegram uit Reval (opm: Tallinn) is het Nederlandse stoomschip JUPITER, van Amsterdam naar Reval, bij Nargen (opm: Naissaar eiland) gestrand. Assistentie werd verleend. Het weder is gunstig om het stoomschip af te brengen.
2e Dépêche: Het voorruim staat vol water. Er is een contract tot berging gemaakt met de Russische Oostzeebergingmaatschappij. Honderd ton der lading is onbeschadigd geborgen. Als het weder, dat thans goed is, zo blijft, zijn de vooruitzichten om schip en lading te bergen gunstig. (opm: zie volgend bericht)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 december. Het schip OOSTENBURG moet de lading gedeeltelijk lossen. (opm: zie NRC 231296)


29 december 1896


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 24 december. Het barkschip MIZPAH, van Goole te Savannah binnengekomen, heeft op de reis ontzettend slecht weer gehad. Alles werd van dek verloren en 3 matrozen sloegen overboord.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 28 december. In de namiddag is gisteren een der masten van de gestrande schoener MARY B. MITCHELL over boord geslagen. Ook de sloepen en enige luiken spoelden over boord. De lijzijde van het ijzeren schip, dat slechts weinige jaren telt, zit onder water. Men poogt met boten te bergen, wat gered kan worden, doch vreest, dat van het schip niet veel te recht zal komen.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nieuwediep, 27 december. De Engelse driemastschoener MARY B. MITCHELL, kapt. Preston, met een lading pannen van Wales naar Hamburg, is op Texel gestrand en zit zeer hoog. Sleepboten met vletterlieden, die ter assistentie zijn vertrokken, kunnen niet bij het schip komen. De bemanning, bestaande uit 7 personen, werd gered.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 december. Volgens telegram van Lloyd’s zit het bij Nargen (opm: Naissaar) gestrande stoomschip JUPITER vol water. De vooruitzichten omtrent het afbrengen zijn minder gunstig. (opm: zie ook PGC 050197 en volgende berichten)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 28 december. Het Duitse stoomschip MINISTER ACHENBACH, volgens bericht van Terschelling van 27 dezer, die nacht in de buitengronden gestrand, doch later door de sleepboot NEPTUNUS afgebracht, is in 9 vadem water gezonken. De bemanning is hier aangebracht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 december. Volgens bij de rederij ontvangen bericht d.d. 25 dezer is het stoomschip JUPITER lens gepompt. Circa 100 ton lading zijn droog te Reval (opm: Tallinn) aangebracht, en circa 40 ton nat. Wegens hoge zee hebben bergers het werk moeten staken. Daarop is bij storm het schip vol water gelopen en is de bemanning te Reval geland.


30 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

East London, 28 december. Het stoomschip LUSO, dat twee jaar op de Congo-rivier tussen de klippen heeft vastgezeten, is vlotgekomen. Na gerepareerd te zijn, is het onder eigen stoom naar Bona vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

East London, 4 december. Een kaffer arriveerde hier van Nahoon en bracht een reddingboei mee met de naam WILLEM EGGERTS waarvan hij beweerde het op het strand te midden van wrakstukken te hebben gevonden. De kust werd onderzocht, doch men vond geen wrakstukken. Op de plaats echter, waar de reddingboei gevonden werd, vond men 12 met stro gevulde matrassen en een hoofdkussen, alle ongemerkt.
(redactie: het Nederlandse ijzeren barkschip WILLEM EGGERTS, van Batavia naar de Azoren, passeerde 21 november St. Helena).


31 december 1896


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 30 december. Gisteren zijn agenten alhier aangekomen om zo mogelijk het afbrengen van het schoenerschip MARY B. MITCHELL aan te besteden. Er werden weer vele goederen geborgen, waaronder een koffer met waarde van de gezagvoerder.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 30 december. De Nederlandse driemast schoener TJAPKO, alhier in winterlaag liggende, wordt afgetuigd en zal in de loop van de volgende maand worden verkocht aan de sloper. (opm: zie LC 010197 en PGC 220197)


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Delfzijl, 30 december. De beide te Delfzijl thuishorende Nederlandse schepen HEVESKES I en HEVESKES II zijn tot geheime prijs uit de hand naar het buitenland verkocht.


 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Texel, 29 december. Gisteren is het grootste gedeelte van de tuigage en inventaris, benevens een deel der kleding der bemanning geborgen uit het driemast schoenerschip MARY B. MITCHELL. Men zegt, dat het schip gebroken is. Het zit bijna gelijk met het strand.