Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1827


01 januari 1827


 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Dordrecht, 30 december. Onlangs en in de loop dezer week zijn bij de scheepsbouwmeester
Jan Schouten alhier, voor zijn eigen rekening, op stapel gezet de navolgende schepen, als:
een koopvaardijschip, groot ruim 1100 Nederlandse tonnen, door de weled.achtb. heer burgemeester van deze stad, met toestemming van H.M. de Koningin, genaamd DE KONINGIN DER NEDERLANDEN; een galjoot, genaamd DE ONDERNEMING, en een kof, genaamd HET VERBOND VAN 1572; in welk eerst gemelde schip de eerste spijker is geslagen door de jongeheer A.R. Visser, zoon van de weled. heer L. Visser, inspecteur-generaal van 's Rijks Ontvangsten, en de eerste spijkers in de twee andere schepen door de beide zonen van de voornoemde scheepsbouwmeester zelve.


02 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 december. De 29e passato (opm: december 1826), des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis het schip PARAMARIBO, kapt. W. Turnbull, van Suriname.
De 29e arriveerde in de Maas DE FLORA, kapt. D. Rooderkerk, van Liverpool.
De 31e passato (dec. 1826), des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis ANTONIUS, kapt. J.P. Schoneke, van Bordeaux.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild RUBENS (opm: brik RUBBENS), kapt. H.H. Lange en DE COMMERCIE, kapt. H.A. de Vries naar Londen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VRIENDSCHAP, kapt. Valom, van Lissabon, AGATHA, kapt. Potjewijd, van Marennes en VROUW ALBERDINA, kapt. Moeij, van Hull.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december. Het schip (opm: sloep) IRIS, kapt. B. Arfsten, van Malaga naar Antwerpen, is met verlies van ankers en touwen te St. Malo binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december. Het schip (smak) de JONGE HENDRIK, kapt. J.H. Groot, van Rotterdam naar Sunderland, lag de 19e dezer te Ramsgate; hetzelve was toen bezig de lading weer in te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 december. Kapt. C. Swaen, voerende het schip IDA ALEIJDA, van Amsterdam te Batavia gearriveerd, meldt van daar, in dato 6 september, dat hij toen bezig was te lossen en laden en het voornemen had de 11e of 12e dito naar China te vertrekken; zijnde aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading: naar Liverpool, het Nederlandse galjootschip DE HOOP, kapt. W. Kuijt. Adres bij Boutmij en Co.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Volgens brief van kapt. K.IJ. Parma, voerende het schip (opm: driemast schoenerkof) NICOLAAS JOHANNES, van Dantzig naar Rochefort in dato 20 december 1826, was hij toen in goeden staat zeilende met n.n.o. wind en mooi weer, hebbende Texel z.z.o. 4 mijlen van zich.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoop van een kofschip. Op donderdag de 4e januari 1827, des avonds te 5 uren, zal, ten huize van W.M. Pot, ter Oude Pekel-A, bij het Middelste Vallaat (opm: middelste verlaat of sluis), in het openbaar te koop worden gepresenteerd het welbezeild kofschip HERSTELD HOLLAND, lang over steven 22 ellen en 53 duimen, wijd over zijn berghouten 5 ellen en 18 duimen en hol op zijn uitwatering 2 ellen en 61 duimen, met alle zijn toebehoren, en een uitmuntende inventaris, thans liggende in het Dok te Antwerpen, laatst bevaren door kapt. Jan H. van Wijk, in den jare 1815 nieuw uitgehaald.
Mr. J. Fresemann Viëtor, notaris.


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 1 januari. Z.Exc. de Minister van Binnenlandse Zaken heeft bekend gemaakt, dat, uit hoofde van de vordering van de werken aan het Kanaal van Gent naar Neuzen, de voorlopige opening van dat kanaal, den 1 januari zal plaats hebben voor de binnenlandse scheepvaart; terwijl zeeschepen, 3 a 4 ellen diep gaande, en geen meerdere breedte dan 8 ellen (de wijdte der geopende sluis) hebbende, te Neuzen zullen kunnen binnenkomen, en, des begerende, tot Sas-van-Gent opvaren. Zullende ook zeeschepen van meerdere capaciteit, doch niet dieper gaande dan 3 a 4 ellen, gedurende de aanstaanden winter, een veilige ligplaats ter rede in de gegraven westelijke branche, buiten de nog niet geopende sluis, in dezelve kunnen vinden.


 MCO - Middelburgsche Courant

Den 24 december is van Texel naar Batavia gezeild Zr.Ms. oorlogskorvet ATALANTE, onder bevel van de kapt-luit. Blom, aan boord hebbende de kapitein ter zee de Man, benoemd commandant van Zr.Ms. zeemacht in Nederlands-Indië.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 30 december. Heden is alhier ter rede gekomen LA REINE CHËRIE, kapt. J.C. Kuyper, van Bergen in Noorwegen naar Brussel gedestineerd, met stokvis en traan; alsmede DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G.E. de Jonker, van Cardiff naar Rotterdam bestemd, met ijzer.
Ook zijn, van den 27 dezer tot heden, voor Antwerpen bestemd, op onze rede aangekomen:
LIBRA, kapt. G.R. Engelsman, van Londen, en CHRISTINA, kapt. J.C. Cassens, van Nantes, beide met stukgoederen; THE GENERAL BROCK, kapt. H. Eden, van Rio de Janeiro, met koffie, suiker en rijst; PEACE OF GUERNSEY, kapt. N.W. Moullin, van Guernsey, met suiker en koffie.
- Veere, 28 december. De 26 dezer zijn alhier ter rede gekomen en heden naar hun destinatie vertrokken, de Engelse schoeners THE AQUATIC, kapt. J. Allison, met ballast, en THE PROVIDENCES GOOD INTEND, kapt. J. Atkinson, met stukgoederen, beide van Hull naar Rotterdam bestemd.
De 31. Heden zijn alhier ter rede gearriveerd de Nederlandse tjalk DE HELENA, kapt. S.C. de Vries, van Londen naar Veere, en de Engelse schoener BRITTANNIA, kapt. J. Thomson, van Colrain naar Rotterdam bestemd; beide met ballast.


03 januari 1827


 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Dordrecht, 31 december. Bij de scheepsbouwmeester C. Gips, in de Lijnbaan alhier, is, op zaterdag l.l. voor eigen rekening de kiel gelegd voor een galjootschip van ongeveer 440 Nederlandse tonnen, hetwelk de naam zal voeren van NEPTHUNUS.


 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Rotterdam, 2 januari. Eergisteren avond, omstreeks 9 ure, ontstond alhier brand in het schip THE BEAVER, gevoerd bij kapitein Henderson, van Newcastle; hetzelve schip was liggende aan de zogenaamde Koperroodkade, bij de Westerse Oudehoofd-Poort, beladen met koperrood, steenkolen en enige korven aardewerk. De equipage trachtte lang zelve de vlammen meester te worden, doch daar dezelve, op het ogenblik van de ontdekking van de brand, niet aan boord schijnt geweest te zijn, was de brand reeds te ver gevorderd: men vond zich weldra genoodzaakt, om de masten en het tuig over boord te kappen en van de aangeboden hulp van de naastbij zijnde brandspuit, mitsgaders uit die van de raffinaderij van de heer W. H. van Oordt (opm: suikerraffinaderij op het Bolwerk), gebruik te maken; een tweede van de stads-brandspuiten echter moest ook nog worden te werk gesteld, en op die wijze is men het vuur meester geworden, voornamelijk door het schip vol water te pompen. Door de zorg van de heer Burgemeester, naar zijn gewoonte, in persoon bij het gevaar tegenwoordig, is de rust van de stad op de laatste avond van het jaar niet gestoord geworden, dan in de naast aangelegen plaatsen van de brand, terwijl een detachement van de wachthebbende schutterij voor het behoud van de orde waakte, en de ijver van de brandspuitgasten loffelijk en voorbeeldig was.
De lading zal voor het grotendeel bedorven zijn, en heden morgen werd nog een man van de equipage vermist, welke hoogstwaarschijnlijk is verdronken.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia gearriveerd:
Den 26 december schoener MOLUCCO, kapt. A. de Bregeas, van Singapore den 12 december, en JESSY, kapt. R. Mackie, met een passagier, den 23 dito van Muntok vertrokken; den 28 december het schip FATALKAHIER, kapt. Pa Ngap, den 23 december van Riouw; den 29 december het schip THALIA, kapt. V. Vallet, met 10 passagiers en enige kinderen, den 9 december van Singapore vertrokken; den 30 december het schip BOEROENG, kapt. W. Lister, met een passagier, den 10 december van Soerabaija vertrokken.
Van Batavia vertrokken:
Den 28 december schoener HAPHIN, kapt. Ten Simko, naar Timor-Koepang, en brik PIENHOEIJ, kapt. Lie Laijpier, naar dito; den 30 december schip TEKSOEN, kapt. Koa Koeko, naar Soerabaija, en brik GOANLIE, kapt. Lim Kiktjang, naar Rembang;
den 31 december brik DE DRIE MARIA’S, kapt. H. Williams, naar Soerabaija; en den 1 januari het schip MARY, kapt. P.M. Stavers, met een passagier naar Soerabaija.
Ter rede van Batavia liggende schepen:
Zr.Ms. fregat MELAMPUS, Zr.Ms. peniche No. 4 en de Nederlandse koopvaardijschepen VIJF GEZUSTERS, MINERVA, BUITENZORG, ESPARANCE, MARGARETHA, CORNELIA SARA, JESSIJ, FATALKAHIER, THALIA en BOEROENG, de brikken DIJKZIGT, CLEMENTINA, a.b.c., PENANREN, GOLLEK, l’ANAM, KATWIJK, HAP GITTJOK, en de schoeners FATHALHAIR, REMBANG, MOLUCCO, en MERMAID, benevens vier buitenlandse schepen.
Te Samarang gearriveerd:
Den 25 december schip STAR, kapt. A. Riggs, met een passagier en Zr.Ms. troepen, van Batavia, Indramaijoe en Tagal.
Van Samarang vertrokken:
Den 22 december schip MERCURY, kapt. John Kerr, naar Soerabaija; den 23 december brik ANNA HENRIETTA, kapt. T. Watson, naar Soerabaija, en brik WILHELMINA, kapt. Maas Agooskontjong, naar Sumanap; den 28 december schip STAR, kapt. A. Riggs, met een passagier naar Soerabaija.
Ter rede van Samarang liggende schepen:
Zr.Ms. kora-kora No. 16 (opm: groot Indisch roeivaartuig) en de Nederlandse koopvaardijschepen NIEUW CATO en MERCURY, de brikken WINDROSE, CAROLINA, CORNELIA, DOROTHEA, JOHANNA MARIA, GEDULD, NOOIT GEDACHT, en schoener COLONIAL TRADER, benevens 12 buitenlandse schepen.
Te Soerabaija gearriveerde schepen:
Den 23 december schip MARQUIS OF HASTIING, kapt. G. Ingram, met drie passagiers, den 20 december van Samarang vertrokken en schip FATAL BARIE, kapt. K. Looper, met een passagier en Zr.Ms. troepen, den 23 dito van dito vertrokken; den 24 december brik ONDERNEMING, kapt. Banon, den 11 december van Banjermassing vertrokken; den 26 december schip MERCURY, kapt. John Kerr, den 21 december van Samarang vertrokken; den 27 december brik ANNA HENRIETTA, kapt. T. Watson, den 22 december van Samarang vertrokken.
Van Soerabaija vertrokken:
Den 24 december brik PHILOTAX, kapt. W.W. Boyle, naar Banda; den 27 december Zr.Ms. korvet POLLUX, kapt.luit. C. Eeg, koersstellende om de west.
Ter rede van Soerabaija liggende schepen:
Zr.Ms. fregatten DAGERAAD en BELLONA, Zr.Ms. korvetten ZWALUW, ANNA PAULOWNA en AREND, Zr.Ms. schoeners ZEPHYR, CIRCÉ en IRIS, Zr.Ms. roei-kanonneerboten No. 1 en No. 8, Zr.Ms. zwaardboot No.18, en Zr.Ms. transportboot No.4, en de Nederlandse koopvaardijschepen PHATA RACHMAN. FATALKAIR, MANOK, CAROLINA EN JACOBA, BANTJAR, MARQUIS OF HASTING, FATAL BARIE, MERCURY, de brikken SHEVA, MARGARETHA, HARRIET, GOENONG API, ONDERNEMER, ANNA HENRIETTA, en de schoeners DINA ALIDA en SWIFT, benevens een buitenlands schip.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. J.J. Wiersma, notaris te Sneek, zal op dinsdagen de 10 januari e.k. bij de provisionele en des 24 derzelfde maand bij de finale toewijzing, telkens des middag ten 12 uren, ten huize van den logementhouder Engbert Dalsma, in Den Witte Arend, publiek bij strijk en verhoog geld presenteren te verkopen zeker snelzeilend, hecht en wel betimmerd hekschip, DE ZWAAN genaamd, groot 50 Ned. tonnen, lang ruim 12 Ned. ellen, wijd en hol na advenant, met zeil en treil, haken en boomen, benevens verdere Scheepstoebehoren, zodanig als zulks bij biljetten en inventaris is gespecificeerd, laatst door Auke Atzes van Dam als schipper bevaren en thans ter bezichtiging voor de gegadigden is liggende in het Hoogend voor het Rotterdammer Veerhuis te Sneek; 8 dagen na de finale toewijzing te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Lees hier: In de Lemmer, provincie Friesland, is op zeer aannemelijke voorwaarden en des vereist wordende, onder aanbieding van ondersteuning in kontanten, te huur een uitmuntend gelegen Scheeps Timmerwerf, met Schuringe, Kanthelling en annexe Woning, om op 12 mei 1827 of vroeger te aanvaarden, gegadigden gelieven zich in persoon of met vrachtvrije brieven te vervoegen bij C. Sleeswyk, mr. zeilmaker aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke Verkoping: De deurwaarder A.H. de Koe, zal publiek bij strijk en verhoog geld presenteren te verkopen een geoctroijeerd Veer en Schip, alle weken varende van de Lemmer op de Joure, van de Lemmer op Balken van de Lemmer op Bolsward et vice versa, met zeil, treil en voorts alles wat tot ene complete inventaris behoort, zodanig het zelve thans wordt bevaren door de eigenaar Hans A. Wouda.
Wie gadinge maken, kome op donderdagen den 4 januari 1827 bij de beschrijving, ten huize van Klaas Age Dijkstra, in Het wapen van Vriesland, en den 11 januari 1827 bij de finale
toewijzing, ten huize van H. Leheux, in het logement De Wildeman, beide te Lemmer, telkens des avond ten 6 uren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J. Albarda, Hz., te Leeuwarden, zal op dinsdag den 2 januari 1827, des namiddag precies te 3 uren, provisioneel en ten 5 uren finaal, ten huize van den kastelein Zoutman, in het Schippershuis, op het Vliet bij Leeuwarden, verkopen een wel betimmerd schuitschip, liggende in de Stadsgracht te Leeuwarden, bevaren wordende door de eigenaar Harm Gerrits Stuur, genaamd de VROUW MARGARETHA, lang 11 ellen 7 palmen 5 duimen, wijd 2 ellen, hol 1el 7 duimen; ladende 10 roggelasten en geheel overdekt.
Condities zijn te vernemen bij den notaris, alsmede bij den kastelein Zoutman, alwaar het te veilen 2 dagen voor de verkoop ter bezichtiging zal liggen.


04 januari 1827


 NSC - Nederlandsche Staats Courant

Antwerpen, 2 januari. Gedurende het afgelopen jaar 1826, zijn in de haven dezer stad
ingekomen 928 schepen van de navolgende landen: 522 Inlandse; 129 Engelse; 86 Amerikaanse; 54 Franse; 42 Hanoverse; 20 Noorse; 20 Oldenburgse; 17 Deense; 16 Pruissische; 7 Russische; 4 Zweedse; 4 Hamburgse; 2 van Rostock; 1 van Lübeck; 1 Mecklenburgse; 1 van Bremen; 1 Portugese; 1 Oostenrijkse.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading: naar Newry, het Nederlandse kofschip MARIA, kapt. Jan Sikkes. Adres bij D. Burger en Zoon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een hechte sterk, welbezeild en in Nederland gebouwd kofschip, 116 roggelasten, voorzien van een complete inventaris, welke te bekomen is, mitsgaders nadere informatie ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer, of bij makelaar Frederik van Dam te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 januari. De 1e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE VROUW PETINA, kapt. K.D. Mulder, van Londen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd REINESCHRIJ, kapt. Kuijper, van Bergen; VROUW HELENA, kapt. De Vries, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 januari. Het schip MARIA ELIZABETH, kapt. Beekman, uit de Oostzee naar Seville (waarschijnlijk dat, hetwelk men veronderstelde reeds te St. Lucar [opm: San Lucar de Barrameda] gearriveerd te zijn), is, volgens brief van Cowes, van de 25e december, aldaar vol water in de haven gekomen; zijnde de 21e dito aangezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 januari. Het schip DE JONGE WILLEM, kapt. G. van Medenvoort, van Amsterdam naar Suriname, te Ramsgate binnen, heeft de 27e december de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 januari. Te Suriname is aangekomen Zr.Ms. pakketbrik DE ZWALUW, luitenant Ambt, van Helvoet; dezelve zou, volgens brief van de 26e oktober, de 28e dito de reis naar Curaçao voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een scheepstimmerwerf, bestaande in een huis, ruime loods, drie andere loodsen, hellingen en gereedschappen, liggende aan de IJssel, zeer geschikt voor grote schepen, dadelijk te aanvaarden, des verkiezende geheel of bij associatie. (opm: waarschijnlijk een van de werven van de Firma W. & J. Hoogendijk en Co)
Te bevragen ten kantore van de notarissen D. Kleij en J. Kleij, te Capelle op d’IJssel en te Lekkerkerk.


  DC - Dordtsche Courant

In onze vorige, doch abusive (opm: foutieve) opgave, is de naam van het galjootschip, waarvoor op 30 december ll. de kiel op de werf van de scheepsbouwmeester Gips in de Lijnbaan alhier, gelegd is, gespeld NEPTHUNIS, hetwelk moest zijn NEPTHUNUS.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 2 januari. Van den 31 december ll. tot heden zijn, voor Antwerpen bestemd, op onze rede aangekomen: DE GOEDE HOOP, kapt. R.E. Dik, van de Marennes, met zout; MEDUSA, kapt F. Bunnemeijer, van Londen, met stukgoederen; de IRIS, kapt. B. Arfsten, van Malaga, met fruit; DE JONGE CAMILLE, kapt. J. Walters, van Londen, met stukgoederen; AUGUSTE, kapt. J.G. Sap, van Oleron, met zout.


05 januari 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een welbezeild vaartuig, groot 32 ton, en gebouwd op de wijze van een Blokzijls jacht. Iemand hierop reflecterende, adressere zich aan de eigenaar P.R. Piekema, te Bolsward. Brieven franco.


09 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. De 5e des namiddags, zeilde van Hellevoetsluis het schip ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, naar Batavia, doch in onder de Goerese haven ten anker gekomen.
Des namiddags de JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, naar Yarmouth; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.J. Stornorth en JOHANNA EN ANNA ALIDA, kapt. J.J. Kortrijk (opm: kapt. Jan Jacobs Kortrijk), zijn op de haven gekomen. De 7e des morgens arriveerde door tegenwind uit zee kapt. J.J. Doesken.
De 5e des namiddags, zeilden uit de Maas DE HOLLANDER, kapt. H. van der Kolff, naar Nantes; DE MERKURIUS, kapt. C. Bakker, naar Hull; DE INDUSTRIE, kapt. M. Kwakkenstein, naar Londen.
De 6e des avonds, zeilde DE JONGE CORNELIS, kapt. G. Goudappel naar Londen.
De 7e des morgens, arriveerde DE JONGE CORNELIA, kapt. H. Oortjes, van Hull.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Van Hellevoetsluis wordt van de 8e gemeld, dat het schip ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, de 8e des morgens, van onder de Goerese haven op de rede teruggekomen is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Te Antwerpen zijn gearriveerd JOSEPHUS, kapt. Bakker en HOOP OP WELVAREN, kapt. Zuinings (opm: kof HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga), van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 januari. Het schip AURORA, kapt. P.J. Oosterloo, van Bordeaux naar Emden, is bij Plymouth binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. Kapt. C.H. Bruins, voerende het schip DE HERSTELDE (opm: tjalk, zie RC 100428 en 120427), van Hull naar Amsterdam, meldt van Noordwijk aan Zee, van de 3e dezer, dat hij de vorige namiddag, voor de wal ten anker liggende, uit hoofde van hoge zee en hevige storm, zijn kabel had moeten kappen, waarna het schip des avonds ten 5 ure aldaar op strand was gekomen; hij en zijn volk zijn met levensgevaar, ofschoon niet onbezeerd, gered. Volgens nader bericht is de lading in goede staat geborgen en te Noordwijk opgeslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. De smak DE VROUW MARGINA, kapt. H.J. Oortjes, van Bordeaux naar Ostende, is, volgens brief van St. Valéry-en-Caux, van de 26e december, aldaar met gebroken mast en verlies van zeilen binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. Volgens brief van kapt. J.H. Peter, voerende het schip DE BARON VAN DER CAPELLEN, van Amsterdam naar Batavia, geschreven de 28e december, des ochtends den 5 ure, was hij toen zeilende op de hoogte van St. Alban’s Head, tussen Wight en Portland, aan boord was alles wel en de wind en het weer gunstig.
De vorige avond had hij nog in het gezicht gehad het schip DE HANDEL-MAATSCHAPPIJ, kapt. H. Willen, mede van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 januari. Kapt. J. Boele jr., voerende het Nederlandse schip WILHELMINA EN MARIA, van Amsterdam naar Zuid-Amerika, meldt van Montevideo, in dato 2 november, dat hij, bij zijn terugkomst aldaar van Rio de Janeiro, kennisgeving had bekomen dat zijn schip door het tribunaal te Montevideo vrijgesproken was en hij als nu de bekrachtiging dier uitspraak van Rio de Janeiro verwachtte.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.
De stoomboten DE MERCURIUS en DE IJSSEL zijn uit hoofde van ijsgang, de 5e dezer buiten dienst gesteld; doch is de vaart van eerstgemelde boot op Zaandam van heden af opnieuw weder geopend, terwijl die der IJSSEL op Harderwijk nader, doch niet vroeger dan tegen medio februari aanstaande, zal worden aangekondigd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.G. van Blom, te Drachten, zal op donderdag den 11 februari 1827, des namiddag ten 4 uren, ten huize van de logementhouder Meulman aldaar, publiek bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen een Praam Schip, met plechten en luiken, mast, zeilen, touwwerk en verder toebehoren, genaamd HET FORTUIN, groot 4 2/4 lasten, liggende thans te Drachten bij de Merewijk, laatst bevaren door Linze Pieters de Jong, en bij denzelven te bevragen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 6 januari. Den 5 dezer is van onze rede naar zee gezeild Zr.Ms. schip van oorlog DE ZEEUW, gecommandeerd door de kapitein-ter-zee Lucas, naar Batavia, met troepen.
Den 2 en 3 dezer zijn alhier ter rede gekomen: THE THISTLE, kapt. E. Thynne, van Hull naar Rotterdam gedestineerd, met stukgoederen; DE JOSEPHA, kapt. M. Bakker; DE HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, beide van Bordeaux, met stukgoederen, en THE NIMROD, kapt. Ph. Allen, van Charlestown, met rijst en katoen; alle drie voor Antwerpen bestemd.
Voorts zijn van Antwerpen de Schelde afgekomen en van den 3 dezer tot heden van onze rede naar zee gezeild: LE COUREUR, kapt. B. Boutin, naar Havre de Grace, met ballast; LE JOSEPH, kapt. T. Jantard, naar Bordeaux, met stukgoederen; DE VROUW CATHARINA, kapt. J. van der Schuyt, en DE VROUW CATHARINA, kapt. J. Verbrugghe, beide naar Londen, met boomschors; AMELIA, kapt. J. Foy; DAVID RICARDO, kapt. R. Lang; ELIZA, kapt. J. Roberts; THE MARKET MAID, kapt. P. Read, en DE JULIA, kapt. J.P. Visser, alle vijf naar Londen, met haver; DE TRITON, kapt. D. Stinze, naar Liverpool, met haver; REINIERA, kapt. G. Meugens, naar Lissabon, en NIKOLAAS, kapt. C. van der Hoeven, naar de Kaap Verdische-Eilanden, beide met stukgoederen; THE PARAGAN, kapt A. Costa; THE JASON, kapt. J. Seals; THE CHARLES, kapt. J.N. Crau, en DE VROUW GEZINA, kapt. N.H. Baas, alle vier naar Hull, met haver.


10 januari 1827


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd: den 6 januari het fregat HELENA CHRISTINA, kapt. B.J. Martens, met 13 passagiers en enige kinderen, den 15 september vertrokken van Rotterdam, en het schip VROUW MARIA, kapt. F. van den Berg, met 2 passagiers en enige kinderen, den 11 augustus vertrokken van Rotterdam.


11 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Smirna, het Nederlandse brikschip HENDRICA ELISABETH, kapt. Anne Glazener.
Naar Liverpool, het Nederlandse kofschip AMICITIA, kapt. Hendrik Jacobs Benes.
Naar Liverpool, het Nederlandse hoekerschip FLORA, kapt. Dirk Rooderkerk, om de 17e januari te vertrekken, op verbeure van de vracht.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


 MCO - Middelburgsche Courant

Amsterdam, 4 januari. In het afgelopen jaar zijn alhier uit zee aangekomen, 1887 schepen, waaronder: 7 van Alexandria, 2 van Bahia, 6 van Baltimore, 19 van Batavia, 4 van Berbice, 5 van Boston, 3 van Canton, 6 van Charlestown, 5 van Curaçao, 5 van Demerary, 1 van St. Domingo, 1 van d’Elmina, 2 van Fernambuck, 2 van Georgetown, 1 van de kust van Guinea, 9 van Havanah, 1 van St. Jago de Cuba, 1 van Kaap de Goede Hoop, 7 van Matanzas, 1 van Mauritius, 4 van New-Orleans, 7 van New-York, 2 van Philadelphia, 2 van Rio-de-Janeiro, 1 van Savannah, 47 van Suriname, I van Teneriffe, 6 van St. Thomas, 1 van Portorico en 1 van Virginia.


 MCO - Middelburgsche Courant

Rotterdam, 3 januari. Gedurende het afgelopen jaar 1826 zijn, in de Maas en Goeree 1587 schepen ingekomen en 1633 uitgezeild, behalve de vishoekers, jagers, haringbuizen en schepen die van Rotterdam, Dordrecht, Schiedam enz. langs de Zeeuwse stromen zijn ingekomen of uitgezeild, of die binnendoor, langs de Wadden, van Hamburg, Bremen enz., zijn gearriveerd of derwaarts vertrokken. In 1825 waren ingekomen 1396 en uitgezeild 1610; dus in het laatst verlopen jaar meer ingekomen 191 en meer uitgezeild 23.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 9 januari. Sedert onze laatste zijn, voor Antwerpen bestemd, op onze rede aangekomen: LA PERSEVERANCE, kapt. H.S. Hobben, van Londen, en THORNY HOSE, kapt. J. Ayre, van New York, beide met stukgoederen; MUNROCK, kapt. D. Bordes, van Batavia, met koffie; THE ANN, kapt. J. Abrandes, van Mantanzas, met suiker; LA LOUISE, kapt. J. Colas, van Rio de Janeiro, met koffie; DE JONGE JOHANNA, kapt. G. Segaert, van Londen, met stukgoederen; THE CHARLES, kapt. R. Davis, van Batavia, met koffie; DE AREND, kapt. H. Elbring, met stukgoederen, en THE MEAUWELL OF SUNDERLAND, kapt. J. Clinton, met ballast, beide van Londen.


 MCO - Middelburgsche Courant

In het jaar 1826 zijn voorbij Vlissingen en langs de Schelde binnengekomen 886, en uitgezeild 834 schepen, als:
Binnengekomen: 516 Nederlandse, 128 Engelse, 86 Amerikaanse, 50 Franse, 32 Hanoverse, 20 Noorse, 16 Deense, 15 Pruisische, 7 Russische, 5 Zweedse, 2 Oldenburgse, 2 Breemse, 2 Hamburgse, 2 Rostockse, 1 Oostenrijkse, 1 Portugese en 1 Lübeckse.
Uitgezeild: 469 Nederlandse, 122 Engelse, 84 Amerikaanse, 51 Franse, 33 Hanoverse, 21 Noordse, 16 Pruisische, 16 Deense, 8 Russische, 4 Hamburgse, 2 Breemse, 2 Lübeckse, 2 Zweedse, 2 Rostockse, 1 Oostenrijkse en 1 Mecklenburgse.
Zijnde onder dit getal niet begrepen binnenlandse beurtschepen of soortgelijke, welke de Zeeuwse stromen onophoudelijk bevaren, maar alleenlijk die welke over zee komen of uitgaan.
In het vorige jaar waren binnengekomen 777 en uitgezeild 717 schepen.


12 januari 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. Willem Jan Quintus, notaris te Groningen, zullen op maandag de 15 januari 1827, des avonds te 7 uren, ten huize van den kastelein Wiersema, op den hoek van het Ameland aldaar, publiek worden verkocht:
- een welbevaren tjalkschip, De VROUW ALMOET genaamd, groot volgens Nederlandse meetbrief 49 tonnen of 26 lasten, met zeil en treil, staand en lopend want, ankers, touwen en verdere opgoederen, liggende in de Noorderhaven, bij de behuizinge van den kastelein Wiersema opgemeld
- een welbevaren smakschip, genaamd GESINA CHARLOTTA, groot 81 tonnen of 43 lasten volgens Nederlandse meetbrief, mede met zeil en treil, staand en lopend want, ankers en touwen, zoo als hetzelve is bevaren door G. van Veen, liggende thans in de Zuiderhaven, bij de A-poorten-boog, te Groningen.
Om uiterlijk veertien dagen na de dag van verkoop te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris P. Tadema, te Makkum, zal, op maandagen de 22 januari 1827 bij de voorlopige toewijzing, en de 5 februari daaraan volgende bij den finale toeslag, telkens des namiddag ten 3 ure, ten huize van den kastelein Jan Pieters de Boer, in het Schippershuis te Makkum, publiek, bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen de gerechte helft in een welbezeild Veerschip, varende van Makkum op Harlingen en terug, met de gerechtigheid van het Veer en verdere annexen, thans door Arnoldus Wiebes Bakker als huurder bevaren wordende, en waarvan de wederhelft aan de weduwe Jorrit Durks van der Zee toebehoort. Daags na de finale toewijzing vrij te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J. van den Bosch, te Kuinre, als lasthebbende van deszelfs principalen, is voornemens op vrijdag de 19 januari 1827, des voormiddag ten elf ure, ten huize van H.C. Wiegnizek, te Kuinre, te doen inzetten en des avond ten vijf uur finaal te verkopen een grote Praamschuit, lang over steven 14½ ellen, wijd 4½ ellen en hol naar advenant, in 1819 nieuw uitgehaald, met derzelver zeil en treil, ankers en touwen, en andere scheeps aanbehoren, invoege dezelve bij wijlen Roelof Tieden is bevaren, liggende thans bij de brug te Kuinre; zijnde de condities van verkoop bij bovengemelde notaris te vernemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Scheepstimmerwerf, met schuur, brave Huizinge, twee sleden en ruim erf, gelegen te Makkum aan de Groote Zijlroede. Informatie te bekomen ten kantore van M.H. Kingma, aldaar.


13 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 januari. Aangaande het schip (opm: kof) MARIA ELISABETH, kapt. M. Martens, van Marseille naar Antwerpen, wordt door de kapitein, in dato Pembry de 30e december 1826 gemeld, dat men reeds tweemaal tevergeefs gevraagd had hetzelve te lichten en men dit als nu ten derdenmale zou beproeven, in de hoop van beter te zullen slagen (opm: zie RC 130227).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 januari. De 11e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis VLAARDINGER HOOP, kapt. J. van der Valk, van Londen.


 JAP - Journal d'Anvers et de la Province

De schoenerkof FREDERICA, die op 15 januari bij scheepswerf P. Lecarpentier in Antwerpen tewater zal worden gelaten, is ongeveer 300 ton groot (opm: 252 ton). Het zal met een nieuw systeem worden getuigd, waarvan wordt verondersteld dat het gunstiger zal varen dan bij dit type schip gebruikelijk is.
(opm: tot dusver werd een schoenerkof getuigd met 1½ mast; dit was de eerste Zuid-Nederlandse schoenerkof waarbij de bezaan even lang was als de hoofdmast; waarschijnlijk zal de tuigage gelijk zijn geweest aan die van een een topzeilschoener of, waarschijnlijker, schoenerbrik, maar een afbeelding om dit te bevestigen ontbreekt)


15 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 12 januari. De schepen gisteren binnengekomen zijn HOOP EN VERWAGTING, kapt. O. Hansen, van Lissabon; VROUW MARTHA, kapt. D.R. van Wijk, van hier naar Londen bestemd, terug uit zee, door schade aan het roer, nog als bijlegger binnengekomen.
Uitgezeild: Zr.Ms. schepen van oorlog WASSENAAR, kapt. Spengler en WATERLOO, kapt. van Dalen, beide naar Batavia; VROUW DIEUWKE, kapt. R.L. Bovenkamp en JONGE YPEUS, kapt. J.C. de Weerd, naar Liverpool.
Texel, 13 januari. Binnengekomen: VRIENDSCHAP, kapt. J.D. Hund en HERMINA WILHELMINA, kapt. H.J. Mugge, van Londen.


16 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 januari. Bij de stranden van Eijerland, annex Texel, is omgeslagen en gezonken een smakschip, geen der equipage is daar van geborgen, de naam onbekend.
Vermoedelijk is heden nacht op de gronden een vaartuig (opm: smak de JONGE HENDRIK, bouwjaar vóór 1808), kapt. Jan Hendrik Groot, zie RC 180127 en 130227), met haver en bonen geladen geweest, totaal verbrijzeld. Er dreef veel wrakhout op stroom. Een lijk is aangespoeld, op wiens draagband stond Cornelis Luks, verder is er niets van ontdekt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 januari. Volgens brief van Smyrna (opm: Izmir) van de 4e dezer zouden den10 onder convooi van Zr.Ms. korvet HEKLA van daar vertrekken de schepen ANNA PAULOWNA, kapt. T. IJsbrands, naar Amsterdam en DE JONGE MARIA, kapt. C.Teves, naar Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 januari. Den 13, des namiddags, arriveerden in de Maas DE JONGE FREDERIK, kapt. H.J. Klein, DE HOOP, kapt. J.H. Plug en DE VROUW NEELTJE, kapt. J. van Gelderen, van Londen, de laatste als bijlegger op order.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE AUKE, kapt. Blaauw, van Bordeaux; VROUW NEELTJE, kapt. Strobuur, van Lissabon en AURORA, kapt. Wijgers, van Villanova.


  AC - Amsterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Een vriendelijke hand heeft ons in staat gesteld onze lezers, met betrekking tot het stoten van Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, op een der banken onder de Engelse kust, het volgende uittreksel, uit een brief van een der zich op hetzelve bevindende officieren, mede te delen:
In zee, de 8e januari.
Daar er nog gelegenheid is u iets van mij te doen vernemen, waarde ouders, wil ik er van gebruik maken. Den 5den, zoo als ik u gemeld heb, is het anker voor Terneuze en Vlissingen geligt; ten 5½ ure des avonds kwamen wij, met een goeden wind, buiten de tonnen en dus buiten de verantwoording van den loods; dienzelfden nacht, van den 5den op den 6den dezer, stieten wij op eene zandbank, de A-bank genaamd, doch kwamen er met een goeden stoot en kraak, zonder avarij, af, daar wij dezelve bij geluk met het voorste en het achterste van het schip aanraakten. Deze keer waren wij er dus makkelijk afgekomen, maar gisteren had het meer voeren in het zand; omstreeks 9½ stootte het schip op nieuw, doch minder sterk, op het gevoel, dan den volgende dag, mais n’en jugeons pas sur l’apparence, want eenige oogenblikken daarna zaten wij weer vast op eene andere zandbank, en bleven onbewegelijk staan; bij geluk was het nog al stil, en dus geen momenteel gevaar aan stuk geslagen te worden en te vergaan. De positie was nogtans kritiek; noodschoten geen gebrek, klokluiden alle vijf minuten, trommelen en blazen op de horens zonder einde; een enkel Engelsch bootje kwam slechts opdagen; de schipper kwam aan boord, ten einde bij ons het hooge water af te wachten en te zien of het de Voorzienigheid mogt behagen ons schip weder vlot te brengen; ondertusschen sloeg ieder de handen aan het werk, hetgeen tot twee ure ’s namiddags te vergeefs was; toen rees het water en tot ons groot geluk zeiden wij, om 3½ ure ’s namiddags, vaarwel aan den Kentisch-Knock en raakten weder vlot. Buiten dit gelukje waren wij er slecht aan toe geweest. Zoo de zee even stil had gebleven, was er hoop ons aller leven te redden; maar ook niets meer dan het leven, want om goed en schip zoude niet te denken geweest zijn. Het gebeurde een uur of drie van de Engelsche kust, waar wij aan wal zouden gezet zijn; dan nu, Oranje boven! Wij gingen dus voort en lieten het anker tegen den nacht vallen; heden ochtend hebben wij het op nieuw geligt, ten einde in de haven van Duins, op de Engelsche kust, een goeden wind af te wachten. Reeds hebben wij North-Foreland in het gezigt, en heden middag zullen wij op nieuw onze provisie aanvullen, en dan, als de wind draait (sints den nacht van de 5den op den 6den hebben wij moeten laveren) gaan wij voort, in hoop van niet weder op eene bank te zullen rusten.
(opm: omdat het hier een geciteerde brief betreft, is bij uitzondering de spelling overgenomen, zoals deze in de krant stond)


  LC - Leeuwarder Courant

Vlissingen, 6 januari. De 5e dezer is van onze rede naar zee gezeild, Zr.Ms. schip van oorlog DE ZEEUW, gecommandeerd door de kapt. ter zee Lucas, naar Batavia met troepen. De Engelse Lloyds lijst van de 9e dezer meldt uit Deal van de 8e dat dit schip die dag aldaar binnen gekomen is, na op den Knock te hebben vast gezeten.


  LC - Leeuwarder Courant

Haarlem, 12 januari. Heden zijn Zr.Ms. schepen WASSENAAR en WATERLOO, mede met troepen, uit Texel naar zee gezeild. (opm: de linieschepen de ZEEUW, WASSENAAR en WATERLOO werden met spoed van Nederland met totaal ca. 2800 man troepen naar Indië gezonden wegens het uitbreken van een opstand in midden Java – met name de residenties Kadoe en Soerakarta - onder het inlandse hoofd Djepo Negoro, bekend als de Java-oorlog).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een zeer wel onderhouden tjalkschip, lang over steven 21 ellen 16 strepen, wijd 5 ellen 32 strepen en hol na rato, voorzien van een uitmuntende inventaris van scheepsgoederen, bestaande in zeil en treil, ankers en touwen, en verdere scheeps toebehoren; liggende in de Stads Gracht te Sloten, in den jare 1810 nieuw uitgehaald, zodanig bij Johannes Wiebrens van der Vaart, als schipper en eigenaar is bevaren. Nader onderricht bij de eigenaar genoemd, bij wie ook te bekomen zijn een aanzienlijke partij puik beste eiken planken, van onderscheidene zwaarte en lengtes, en tot allerhande werk geschikt; zomede ook een grote hoeveelheid essen en beuken bomen, de houtwaren en bomen in drie scheepsladingen bestaande.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Helder, 8 januari. Zr.Ms. schepen van oorlog WASSENAAR en WATERLOO, welke de troepen naar de Oost-Indië bestemd aan boord hebben, zijn zaterdag ll. vanuit het Nieuwe Diep ter rede gekomen, en zijn gereed om met de eerste gunstige wind in zee te steken.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 13 januari. Van den 9 dezer tot heden zijn, voor Antwerpen bestemd, alhier ter rede gekomen: GUILLAUME, kapt. W. de Ruyter, van de Havannah, met koffie en suiker; dit schip heeft bij het binnenkomen het roer gestoten, en moet wegens lekkagie hier binnenkomen. THE QUINCEY, kapt. W. Heath, van Charlestown, met rijst; LE SANS REPOS (opm: smak), kapt. H. Pethers, van Londen; AURORA, kapt. B.J. Wijgers, van Villa-Nova, en DE GOEDE HOOP, kapt. J.W. Wilkens, van Havre-de-Grace, alle drie met stukgoederen; AURORA, kapt. B.H. Harton, van Almeiro, met lood enz.


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 15 januari. De Engelse Lloyds-lijst van den 9 dezer meldt uit Deal van den 8, dat Zr.Ms. schip van oorlog DE ZEEUW, kapitein-ter-zee Lucas, naar Batavia met troepen, die dag te Deal was binnengekomen, na op de Knock te hebben vastgezeten.


18 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Bij Kallandsoog is gestrand het smakschip DE HOOP, kapt. H.J. Mutt (opm: tjalk, bouwjaar < 1804; kapt. Jan Jans Hut, mede opvarenden Jacob Spaanderman en Geele Pieters Sandberg), van Harlingen, met haver, naar Londen. Het schip is waarschijnlijk gebarsten (opm: de zeebrief werd geretourneerd: schip verongelukt). De lading, die heel nat is, zal men trachten te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. In een brief van Texel van de 13e dezer wordt gemeld, dat het smakschip DE VROUW ENGELTJE, kapt. J.K. de Jong, met ballast, de 11e dito aldaar binnen van Londen, buiten de gronden een anker verloren, de kluiverboom en zeilgiek en bolder gebroken en andere schade bekomen had; hetzelve was in de haven van Texel gekomen en zou van daar in dezelfde staat over de Zuiderzee naar Antwerpen opzeilen.
De 11e had men van het Zandijkshuis, op Texel, buiten de stranden gezien een smak, welke des namiddags bij de stranden van Eierland gedreven en vervolgens omgeslagen en gezonken was, zodat hij de volgende ochtend geheel onder water lag (opm: smak JONGE HENDRIK, zie RC 160127). Van volk, tuigage of lading was niets geborgen. Ook wist men niets aangaande de naam, bestemming of lading.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Het schip (opm: brik) GUILLAUME, kapt. W. de Ruijter, van Havannah naar Antwerpen, is in den avond van de 10e dezer bij het binnenkomen van Vlissingen op de bank Kellebot vastgeraakt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Het schip (opm: kof) DE HERSTELLING, H.J. Buining, van Londen naar Ostende, is de 11edezer te Ramsgate binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Het schip (opm: fregat) MAGELLAAN, kapt. F.P.. Hoedt, van Antwerpen naar Batavia, is, volgens brief van Antwerpen, omstreeks half september in de straat Sunda en de 17e dito op enige mijlen afstands van Batavia gezien.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 januari. Volgens ontvangen berichten van Egmond aan Zee was aldaar op heden, des morgens ten 4 ure gestrand, een mastloos oorlogsschip, volgens gevonden papieren waarschijnlijk het fregat DE JAVAAN. Men was er dadelijk met de reddingboot heen gesneld, ten einde alle mogelijke hulp toe te brengen. (opm: het betrof Zr.Ms. linieschip WASSENAAR, zie AC 190127)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Bayonne het Nederlandse kofschip (opm: smak) de MEELZAK, kapt. Jan Hermanus Witteveen, om de 20e februari te vertrekken. Adres kantoor Kuijper, Van Dam en Smeer.

DC 180127
Dordrecht, 17 januari. Door de geweldige storm van zondag l.l. is ook het te Antwerpen nieuw gebouwd fregatschip de SCHELDE, hetwelk ter rede van Vlissingen aangekomen was om aldaar troepen voor Oost-Indië in te nemen, van zijn ankers geslagen en tot Terneuzen voortgedreven, waar het gestoten heeft en is blijven zitten. De Vlissingse loods was reeds aan boord, maar de troepen waren nog niet ingescheept.
Boven artikel Amsterdam, wordt gesproken van een te Egmond gestrand oorlogschip, hetwelk men meende de JAVAAN te wezen. Hier weet men ondertussen niet van het uitlopen van de JAVAAN, meent zelfs dat dit schip in het Nieuwe Diep moet liggen, en vreest dus dat het gestrande oorlogsschip zal bevonden worden of de WASSENAAR of de WATERLOO te zijn, welke beide schepen men weet dat den 12 uit Texel naar Oost-Indië in zee gestoken zijn.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Middelburg, 17 januari. Den 31 oktober ll. is behouden te Suriname gearriveerd het fregatschip DE ONDERNEMING, kapitein Hend. Eeltjes.
— Omtrent het ongeval Zr.Ms. linieschip DE ZEEUW overkomen, meldt de Staats-Courant het volgende: Dit schip, gecommandeerd wordende door de kapitein ter zee E. Lucas, bestemd naar Oost-Indië met een groot gedeelte van de expeditionaire afdeling infanterie, bestaande uit de staf van de afdeling en het battaillon flankeurs, is den 5 dezer, des namiddags ten 2 uren, met een gunstige wind van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken; doch kort daarna de wind contrarie lopende, is hetzelve verplicht geweest zich onder de Engelse kust te houden, alwaar die bodem op den 7 dezer door een zware mist is overvallen en alstoen op de Kentish Knock, zijnde een bank benoorden de rivier de Theems, vastgeraakt, waarvan het echter gelukkig, na verloop van twee en een half uren, weer, zonder enige schade bekomen te hebben, is losgeraakt en, op den 8 dezer, door aanhoudende contrariewind, ter rede van Duins (opm: The Downs) is moeten binnenlopen, alwaar hetzelve thans op een gunstige gelegenheid is wachtende, om weer zee te kiezen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zr.Ms. schepen WASSENAAR en WATERLOO, gecommandeerd wordende door de kapiteins ter zee Spengler en Van Daalen, met troepen bestemd naar de Oost-Indië zijn, den 12 dezer, van de rede van Texel naar zee vertrokken.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 17 januari. Laatstleden zondag hadden wij ook alhier een zware storm uit het westen, met hooggaande zee, zo dat Zr.Ms. schip DE SCHELDE, (opm: zie correctie in MCO 200127) hetwelk voor deze stad ter rede lag, met het opkomen van de vloed zo sterk geslingerd werd, dat men in de namiddag genoodzaakt werd het touw te kappen, om veiliger rede te zoeken; doch nadat kort daarop het anker bij Neuzen was in de grond gevallen, werd het schip, door het aanhouden van de storm, van hetzelve afgeslagen en op de Suikerplaat geworpen, alwaar hetzelve steeds, meer dan half vol water, is zittende.
Diezelfde namiddag is ook de Franse brik L‘ALCIDE, gevoerd door kapitein Charlot, een weinig meer beoosten deze stad dan het vorengemelde schip ter rede liggende, van zijn ankers geslagen en tot aan het verbrande hoofd gedreven, zijnde aldaar aan de grond gezet. Wijl er nog alleen een werp aan boord was, en nadien het schip door de felle storm zodanig werd overgezet, dat men vreesde het niet te kunnen behouden, kapte men aldaar de fokkemast ; de brik hierop in de avond, door de opkomende zware vloed, weer vlot geworden zijnde, is van daar door de sterke wind tegen de berm van Welzingen geslagen, en vervolgens daarover heen tot bij het Nieuwland gedreven, alwaar dezelve door het hulpvaartuig van het loodswezen te Vlissingen is gevonden, en hetwelk, door het aanbrengen van een anker en touw, gemelde brik tot hiertoe voor verdere onheilen heeft beveiligd.


19 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Haarlem, 17 januari. De vrees, dat de oorlogsschepen, welke vrijdag uit Texel naar zee zijn gezeild, in de hevige storm, die van zaterdag nacht tot maandag heeft gewoed, enig onheil mocht zijn wedervaren, is niet ongegrond geweest. – Gisteren op de middag is alhier bericht van Egmond aangebracht, dat in de ochtend omstreeks zes uur anderhalf uur (opm: plm. 7½ km) benoorden die plaats aan de kust is gekomen een masteloos schip, het welk van tijd tot tijd noodschoten deed en troepen een boord scheen te hebben en gisteren avond is men in het zekere onderricht geworden, dat deze bodem Zr.Ms. schip van oorlog WASSENAAR, gecommandeerd door kapt. L.L. van Spengler, is, het welk, het bataljon vrijwilligers onder bevel van de majoor Cor van Spengler aan boord hebbende, naar Batavia bestemd was. – Z.E. de gouverneur van Noord-Holland is deze nacht naar Egmond vertrokken, om op de plaats de maatregelen te nemen, welke de omstandigheden mochten vorderen. – Reeds gisteren heeft Z.E. dadelijk de stoomboot NOORD-HOLLAND ter beschikking der marine gesteld, om, zo mogelijk, mensen of wel de bodem zelf te behouden.
Omtrent de toestand, in welke het schip zich bevindt, kan nog weinig met genoegzame zekerheid worden gemeld. Gisteren avond waren 28 mensen van hetzelve aan wal gekomen. Een deel derzelve heeft zich in de barkas bevonden, ten einde aan lijn aan het strand te brengen, doch het schijnt, dat die lijn aan boord van de WASSENAAR is gekapt. Men maakte op Egmond aanstalten, ten einde, daar men vergeefs had beproefd, om de reddingsboot door de branding heen te brengen, met de dag, zo mogelijk, het schip met de visschuiten te bereiken.
Men heeft wijders gisteren op de hoogte van Egmond een groot schip in goede staat gezien, het steven wendende naar Texel, hetwelk door velen voor de WATERLOO is gehouden.
(Ten zes ure) Het merendeel der genen, welke zich aan boord van de WASSENAAR bevonden en daaronder de bevelvoerende officier Van Spengler, is in de loop van de dag behouden aan wal gekomen en deze namiddag lagen nog verscheidene vaartuigen, zo vissersschuiten van Egmond als van Texel aan boord van het wrak om de overige schepelingen, ten getale van ruim 300, over te nemen. Het aantal der genen welke bij dit noodlottig toeval zijn omgekomen, kan derhalve tot nog toe op een honderdtal worden begroot. – Schip en goederen zijn echter geheel verloren.
Voor de verzorging der schipbreukelingen zijn de nodige maatregelen genomen. – Onder de officieren, welke reeds aan wal zijn, noemt men de heren Kempenaer, Koll, Alestienne en Davelaar.


  AC - Amsterdamsche Courant

Kallandsoog, 16 januari. Laatstleden zondag is ook hier een vaartuig gestrand, het was een tjalk, DE HOOP genaamd, met haver van Harlingen naar Londen bestemd. Van de drie man, die aan boord waren, borgen zich twee met zwemmen aan land. De derde is insgelijks gered geworden, door de voorbeeldige moed en volharding van twee sloeproeiers der reddingsboot, van welke de een, Arie Vos, met een lijn om het lijf, tegen de vloed in en door de verschrikkelijke branding, tot driemaal toe poogde aan boord te zwemmen. Eindelijk, zijne krachten hem begevende, verving hem de tweede, Teunis Vos en slaagde om de ongelukkigen aan wal te brengen. (opm: zie RC 200127)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ministerie voor de Marine en Kolonien.De minister voor de Marine en Koloniën brengt hiermede ter kennisse van de Nederlandse koophandel en scheepvaart, dat, door de bevelhebber van Zr.Ms. eskader in de Middellandse Zee de nodige orders gesteld en maatregelen genomen zijn om, zo veel de dienst bij het gemelde eskader zulks maar enigzins zal toelaten, steeds drie van de tot dat eskader behorende schepen te doen strekken tot het verlenen van konvooi van Smirna naar Malta, en van Malta naar Smyrna, en verder in de Archipel, van alle zodanige Nederlandse koopvaardij-schepen, welke zodanig konvooi ter hunner beveiliging en bescherming voor alle aanvallen van kapers en rovers, als anderszins, zouden mogen verlangen, zullende tot dat einde de schipper of bevelhebber derzelve koopvaardijschepen zich kunnen aanmelden bij de Nederlandse consuls te Smirna en te Malta, of bij de kommanderende officieren van de oorlogschepen of vaartuigen, welke zich in die havens mogen bevinden.
’s-Gravenhage de 13e januarij 1827. De minister voornoemd: Elout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 15 januari. Zr.Ms. linieschip DE ZEEUW, gekommandeerd wordende door de kapitein ter zee E. Lucas, bestemd naar Oost-Indië met een groot gedeelte der expeditionaire afdeling infanterie, bestaande uit de staf der afdeling en het bataillon flankeurs, is de 5e dezer, des namiddags te 2 uren, met een gunstige wind, van de rede van Vlissingen naar zee vertrokken, doch kort daarna de wind contrarie lopende, is hetzelve verplicht geweest zich onder de Engelse kust te houden, alwaar die bodem op den 7e dezer door een zware mist is overvallen en als toen op de Kentische Knock, zijnde een bank benoorden de rivier de Theems, vastgeraakt, waar van het echter gelukkig na verloop van 2½ uur weder zonder enige schade bekomen te hebben is losgeraakt, en op de 8e dezer, door aanhoudende contrariewind, ter rede van Duins is moeten binnen lopen, alwaar hetzelve thans op een gunstige gelegenheid is wachtende, om weder zee te kiezen.
Zr.Ms. schepen WASSENAAR en WATERLOO, gekommandeerd wordende door de kapiteins ter zee Spengler en Van Daalen, en insgelijks met troepen bestemd naar Oost-Indië, zijn de 12e dezer van de rede van Texel naar zee vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. Willem Jan Quintus, openbaar notaris, residerende te Groningen, als mede van het Vredegerecht van het 1ste kanton dier stad, zullen op donderdag de 25e januari 1827, des avonds te 7 uren, ten huize van de logementhouder J. Wilkens Wz., in de Oosterstraat aldaar, publiek worden te koop gepresenteerd:
- Twee twee-en-dertigste aandelen in het kofschip, genaamd ANNA PAULOWNA, bevaren door kapt. H. Pothoff.
- Een acht-en-twintigste aandeel in het kofschip, genaamd JUFFER WILLEMINA LOURENTIA, bevaren door kapt. Jacob J. Swart.
- een vijftiende aandeel in het kofschip, genaamd AMICITIA, wordende door kapt. H.J. Benes bevaren.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 16 januari. Kapt. Van Vliet, voerende het schip DE KONINGIN DER NEDERLANDEN, den 13 dezer in Texel van Batavia gearriveerd, bericht des morgen ten 4 uren van die dag op de hoogte van Egmond de schepen WATERLOO en WASSENAAR gezien te hebben.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 januari. Heden is alhier met enige schade uit zee terug gekomen schipper H. de Weerd jr., voerende het kofschip de JONGE YPEUS. Dezelve rapporteert na de storm van de 14e de vleet (opm: het tuig) van een groot schip in zee hebben zien drijven.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Posthuma te Dokkum zal op zaterdag de 3e februari e.k., des namiddags ten 3 uren, ten huize van Jetze Donga, kastelein te Paesens, publiek bij strijkgeld verkopen een kofscheepje, de DRIE GEBROEDERS genaamd, groot 9 ton, met zeil en treil, ankers en touwen, liggende te Ezumazijl onder Anjum, door Lieuwe Sytzes Wieringa, als eigenaar wordende bevaren. Direct te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoop van een Tjalkschip. De griffier W. van Eijck te Balk zal, als daartoe last hebbende, op zaterdagen den 3 februari 1827 bij de beschrijving, en den 10 daaraan volgend bij de definitieve adjudicatie, telkens des avond ten zes uren, in het logement de Wildeman te Lemmer, presenteren te verkopen een zeer hecht Tjalkschip, lang over steven 19 ellen 8 palmen en 8 duimen, wijd 4 ellen 1 palm 1 duim en 8 strepen, en hol 1 el 4 palmen en 2 duimen, met zeil, treil, ankers, touwen en verdere complete daar bij zijnde scheepstoebehoren, zodanig en in dier voege dit Tjalkschip reeds voor deze is gevoerd geweest door Tjibble Bottes Roukema, van de Lemmer op Schiedam, en thans is liggende in eerstgenoemde plaats; kunnende de aanvaarding geschieden dadelijk na de finale toewijzing, terwijl voorts de condities van verkoop, zomede den inventaris der aanwezig zijnde scheepsgoederen, intussen kunnen worden vernomen bij den havenmeester Jacob Franzes, te Lemmer.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De griffier H. Smith, te Harlingen, zal aldaar ten huize van den kastelein Hendrik Feikes de Boer, in het logement de Oijevaar, op woensdag de 7e februari 1827, precies ten 3 uren des namiddag, bij de beschrijving, en des avond ten zes uren, bij de finale toewijzing, bij strijk en verhoog geld, publiek verkopen de gerechte helft in een Trekveerschip, in den jare 1823 nieuw uitgehaald, varende van Harlingen op Leeuwarden et vice versa, met de gerechtigheid van het Veer, en het kwoteel aandeel in de paarden, lijnen, hooi en stro, haken en bomen, en verdere annexen in dier voege hetzelve door wijlen Jan Polie aldaar, als eigenaar is bevaren, en waarvan de wederhelft aan Johannes Steunenbrik in eigendom toebehoort.


20 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Het schip MANDARIN, kapt. Refreto, van Baltimore naar Amsterdam, is bij Huisduinen gestrand, lek gestoten en in zinkende staat door het volk verlaten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Het schip reeds gemeld bij Kallandsoog gestrand, is gebleken te zijn de smak DE HOOP, kapt. I.J. Hut (opm: tjalk, kapt. Jan Jans Hut), met haver, van Harlingen naar Londen; hetzelve is denkelijk gebersten en men zal trachten de lading, die geheel nat is, te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Volgens brief te Beverwijk van de 17e januari, is de vorige middag, onder het ressort van wijk aan Zee, aan strand gespoeld een aantal balen of pakken en rollen tabak, alsmede enig pok- en verwhout, al hetwelk door sjouwers dadelijk tegen de duinen gehaald is en in een pakhuis zou worden opgeslagen; in een kist, waaruit blijkt dat bovengemelde goederen waarschijnlijk behoren tot de lading van de brik ANNA CELESTINA, kapt. C. Garrels, van St. Thomas naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Het schip DE SCHELDE, kapt. J.B. Neurenberg, van Antwerpen naar Batavia is, volgens brief van de 16edezer, na de 14e ter rede van Vlissingen een touw te hebben gekapt, op de Schelde ten anker gekomen, doch een uur gelegen hebbende, door het loslaten der beide ankers tegen een bank gedreven en in de grond gestoten; hetzelve zat circa 5 kwartieruurs (opm: 6¼ km) van Terneuzen onder de Vlaamse wal en had bij hoog tij drie voeten water in de kajuit; men zou trachten zo veel mogelijk van het schip en de lading te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Het schip DE GOEDE HOOP, kapt. B.R. Berg, met koeken van Amsterdam naar Yarmouth, is, volgens brief van Delfzijl van de 13e dezer, in zeer gehavende staat aldaar voor de haven aangekomen; men had sjouwers derwaarts gezonden om te pompen en het schip te Delfzijl binnen te brengen, alwaar het zal moeten lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. De 17e des namiddags arriveerde uit zee MARTINA ALETTA, kapt. J.G. Hoetjer, van Londen; EENDRAGT, kapt. J. Wemmerus, van Malaga, zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 18e des morgens zeilde Zr.Ms. stoompakket CURAÇAO, luitenant J.W. Moll, kapt. Bridge, met de brieven van de 10e, 13e en 17edezer, naar Harwich.
Van Hellevoetsluis wordt van de 19e gemeld, dat de 18e, des namiddags zeilde ALKMAAR, kapt. I. Heath naar Londen en arriveerde DE VROUW LUMMINGINA, kapt. J.B. Goossens (opm: de smak VROUW LAMMECHIENA), van Londen, als bijlegger op avontuur en is op de haven gekomen; CHRISTINA JOHANNA, kapt. J. Parlevliet, van Salou, zijnde dezelve na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 19e des morgens zeilden DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon, naar Lissabon, DE JONGE ALIDA, kapt. C. van der Weijden, naar Gibraltar en DE JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, naar Yarmouth.
De 18e des namiddags, zeilden uit de Maas, VAN EGMOND, kapt. J.Wilson, naar Belfast en DE JONGE PRINS VAN ORANJE, kapt. J. van der Wind (opm: vermoedelijk buitenlander), naar Londen, dezelve zijn de 19e, des morgens, wel in zee gekomen.
De 19e des morgens zeilden DE HOOP, kapt. P.J. de Boer, naar Bristol; DE FRANS EN ALETTA, kapt. M. van der Struijs, naar Bergen; DE FLORA, kapt. D. Rooderkerk, naar Liverpool, DE FELIX, kapt. W.J. Kramer, naar Bordeaux en DE HOOP, kapt. M. van Dijk, naar Port-au-Prince.
De 21e des morgens, zeilden Zr.Ms. transportschip ZEEMEEUW, kapt. luitenant.t.zee Volmer naar Suriname en JOHANNA EN ANNA ALIDA, kapt. J.J. Kortrijk, naar Bristol.
Te Antwerpen is gearriveerd MAGDALENA, kapt. Luttjens, van St. Petersburg.


  DC - Dordtsche Courant

’s Gravenhage, 18 januari. Heden ontvangt men de droevige verzekering, dat Zr.Ms. linieschip de WASSENAAR, kapt. L.L. Spengler, die, den 12 dezer met troepen uit Texel naar zee gezeild en naar Batavia bestemd was, ten gevolge der gewoed hebbende stormen, den 15 daaraanvolgende, bij Egmond, in een masteloze staat, op strand is geraakt. Dadelijk zijn alle mogelijke middelen, zo door plaatselijk bestuur en de visserslieden der plaatse, als door de heren gouverneur van Noord-Holland, directeur en kommandant der marine in het hoofd-departement van de Zuiderzee, en van den onder-directeur der marine aan het Nieuwe Diep, die dadelijk nar de plaats des onheils gesneld waren, in het werk gesteld, om, zo mogelijk, aan schip en equipagie alle hulp en redding toe te brengen. Men had echter, helaas, al spoedig de zekerheid, dat van de romp van het schip niets te redden zoude wezen, en stelde dus alles in het werk om de equipage en troepen aan wal te sauveren, hetgeen dan ook, volgens de tot nu toe ingekomen berichten, dank zij de ijverige, stoutmoedige en menslievende pogingen der Egmonder visserslieden en der zaamgestelde autoriteiten, van verre weg het grootste gedeelte der schepelingen en troepen gelukt is, zonder dat men echter nog het getal der slachtoffers met enige zekerheid konde berekenen, dat echter door sommigen op 120 à 140 geschat werd. De heer gouverneur van Noord-Holland heeft dadelijk alles in het werk gesteld en de doelmatigste schikkingen genomen, om de verkleumde en door vermoeijenis en gebrek afgematte schepelingen en soldaten van al het nodige te doen voorzien.
Van de lading en goederen heeft niets geborgen kunnen worden, en daar het wrak reeds aan alle zijden open was, verwacht men dat het bij de eerste vloed zoude uit een slaan.
De kapitein ter zee L.L. Spengler is onder de geredde schipbreukelingen; doch men heeft voor als nog geen stellige berichten, wie de overige geredde officieren zijn.
Zijne Exc. de minister van marine en kolonien is, naar men verneemt, deze morgen vroeg, naar de plaats des ongevals vertrokken, waarheen reeds, op zijn bevelen, dadelijk na het ontvangen derzelve berichten, en wel gisteren ochtend, de kapitein ter zee Landsheer, directeur der marine, gesneld was.
Heden heeft men berichten uit Duins (opm: The Downs), van den 12 dezer, waarbij gemeld wordt, dat Zr. Ms. schip van linie de ZEEUW, kapt. Lucas, dien dag, van daar onder zeil gegaan was en om vier ure van dien namiddag Zuid-Voorland (opm: South Foreland) in goeden staat was omgezeild, met N.W. en bijkans N. wind, koers zettende in Het Kanaal.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Volgens particuliere brieven alhier, per het schip de HARMONIE, hetwelk Batavia den 29 september ll. verlaten heeft, ontvangen, waren de muitelingen naar de zuidkant van Java getrokken, en schenen dezelve de ommestreken van Solo en Djocjo verlaten te hebben; in een der brieven wordt, onder dagtekening van den 27 september gemeld, dat de oude sultan te Djocjo gearriveerd moet zijn, en het te vermoeden was dat, na de belangrijke aangekomene versterkingen, de operatiën met kracht hervat zouden worden.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Tot heden middag had men aan de bureaux der marine alhier nog geen officiële berichten omtrent oorlogsschip de WASSENAAR; door een inwoner van Egmond aan Zee, gisteren avond laat van daar vertrokken, had men echter aan gemeld bureaux de blijde tijding verstaan, dat de ganse equipage reeds op 40 à 60 man gered was. Zo men dus, waartoe alle reden schijnt te wezen, genoegzaam vertrouwen aan het bericht van deze man mag hechten, bevestigt het zich niet dat het getal der omgekomenen reeds een honderdtal zou bedragen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 19 januari. Een stadgenoot, die sedert lang in zeedienst is, reeds verscheide verre zeetochten medegemaakt heeft, en nu laatstelijk mede op de WASSENAAR als onder-officier overgeplaatst was, meldt, dat hij, zo als het geval met vele zeelieden schijnt geweest te zijn, zich zelven al zwemmende gered, en dinsdag voormiddag omstreeks 11 ure behouden, maar van al zijn goed beroofd en naakt, te Egmond aan wal gekomen is. De WASSENAAR, den 12 uit Texel gezeild, had, zo als hij schrijft, na ongeveer 2 dagen in zee geweest te zijn, zijn 3 masten verloren, en was, na 24 uren op Gods genade gedreven te hebben, bij Egmond gestrand, waar hij ongeveer 1 ½ dag op redding had gewacht. De schrijver was naar Alkmaar gebracht, en had van daar dadelijk de reis naar Texel aangenomen, om wederom in zijn vorige betrekking op het oorlogsschip terug te keren, waarvan men hem voor de reis naar Oost-Indië op de WASSENAAR overgeplaatst had.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Amsterdam, 16 januari. Volgens ontvangen berichten van Egmond aan Zee, was aldaar op heden, des morgens ten vier uren, gestrand een masteloos oorlogsschip, volgens gevonden papieren, waarschijnlijk het fregat DE JAVAAN. Men was er dadelijk met de reddingsboot heen gesneld, ten einde alle mogelijke hulp toe te brengen.
Zr.Ms. oorlogsschepen WASSENAAR en WATERLOO den 12 dezer uit Texel gezeild naar Batavia, zijn de volgende ochtend ten 4 uren op de hoogte van Egmond gezien door kapitein P. van Vliet, voerende het schip DE KONINGIN DER NEDERLANDEN, van Batavia, den 13 dezer in Texel binnengekomen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Veere, 18 januari. Heden zeilde naar zee de Engelse brik NICHELSON, kapt. R. Fox, van Londen naar Sunderland gedestineerd, met ballast, welke den 15 dezer door contrarie-wind alhier als bijlegger was ter rede gekomen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Middelburg, 19 januari. Gisteren zijn naar zee gezeild: het fregatschip MIDDELBURG, kapt. F. Jonker, naar Batavia ; DE SARA AGATHA, kapt. M.L. Hofman, naar Suriname, en DE PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. D. Jonkman, naar Demerary bestemd.
— In ons vorig No., bij de opgave van het ongeluk, het schip DE SCHELDE overkomen, is hetzelve abusievelijk genoemd Zr.Ms. schip; dit is een fout: dit schip is geen oorlogsschip maar een koopvaarder. Deze misstelling is echter toevallig en zonder enig oogmerk geschied.


22 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Amsterdam, 21 januari. Het bevestigt zich niet dat de WATERLOO in goede staat te Deal zou zijn binnengelopen; een vals bericht op naam van kapt. Van Dalen gegeven, had dit gerucht doen verspreiden; de WATERLOO zou integendeel, volgens de zee berichten van Terschelling, 3 mijlen van de kust van Borkum, masteloos ten anker liggen; deze tijding komt vrijwel overeen met een op heden alhier ten postkantoor aangekomen bericht uit Groningen, alwaar men per expresse de tijding had ontvangen dat de WATERLOO zonder masten en roer voor Delfzijl was liggende en de equipage met boten een land zou worden gebracht.
Van Terschelling wordt gemeld dat er dadelijk 15 schuiten tot assistentie zijn afgezonden. Dit getal is tot 80 toe van elders vermeerderd, de stoomboot, onder commando van de heer Mol, is van Den Helder afgezonden om het schip, ware het mogelijk, naar Texel te slepen.
Een op heden bij ons, uit Alkmaar, ter plaatsing ontvangen rapport, bevat de bijzonderheden der zo edele als menslievende wijze op welke de ongelukkige schipbreukelingen van de WASSENAAR, onmiddellijk door de burgemeester, verder autoriteiten en ingezetenen dier stad zijn opgenomen en verpleegd geworden. Kleding en verwarmend voedsel zijn hen onmiddellijk in ruime mate toebedeeld, aan de gewonden is de spoedigste hulp toegebracht; aan een matroos wiens been door de val der mast gebroken was, is hetzelve binnen het uur
in het burger gasthuis weer gezet en er is alle hoop op zijn herstelling. Met dezelfde bezorgdheid zijn eindelijk de matrozen naar Den Helder aan boord van DE ZEELAND getransporteerd en de militaire manschappen, door de heer stedelijke commandant der stad overgenomen en door de heer burgemeester van dekens tot verwarming voorzien, naar Haarlem overgebracht.


  AC - Amsterdamsche Courant

Antwerpen, 18 januari. De gunstige uitzichten, welke men hier gisteren koesterde nopens de mogelijkheid om het schone fregatschip DE SCHELDE te redden, bevestigen zich. Het ophouden van het ruwe weer was een noodzakelijk voorwaarde van behoud en die omstandigheid zich opgedaan hebbende, heeft men met zo veel vrucht kunnen werkzaam zijn, dat het schip, hetwelk men meende vast in het zand te zitten, reeds enige beweging gemaakt en een goede positie genomen heeft. Deze beweeglijkheid geeft de billijkste hoop om het met de lading te redden. In de storm had het deszelfs looze kiel en roer verloren.
De kapitein van het schip, wordt gezegd, in de hachelijke toestand waarin hij zich bevond met evenveel koelbloedigheid als bekwaamheid gemanoeuvreerd te hebben.


23 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 januari. Uitreksel uit de Lloydslijst van de 16e januari:
Op de rivier is gearriveerd GOEDE VERWACHTING van Rotterdam naar Londen; op de hoogte van Ramsgate CLARA HENRIETTA van Amsterdam naar Batavia; te Portsmouth het Nederlandse linieschip DE ZEEUW naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Douvres (opm: Dover), 13 januari. Gister is het Nederlands linieschip DE ZEEUW, onder weg zijnde naar Batavia, met 800 man troepen en een ongewoon groot getal passagiers en scheepsvolk, in alles 1400 personen, hier voorbij gezeild.
Men zal zich herinneren, dat dit het schip is, hetwelk op de Kentish Knock heeft vastgezeten, en naderhand in Engeland binnengevallen is. De schade moet dus onbeduidend geweest zijn, daar het schip, de 8e een haven gezocht hebbende, de 12e reeds weder in zee was.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 17 januari. Laatstleden zondag is het schoon nieuw schip de SCHELDE, hetwelk alhier was aangekomen om troepen, naar de Oost-Indiën bestemd, aan boord te nemen, door de storm tot Ter Neuze gejaagd, alwaar het op strand geraakt is. De loods van hier was reeds aan boord, doch de troepen waren nog niet ingescheept.
Vlissingen, 18 januari. Nadere berichten melden, dat het fregatschip De SCHELDE, hetwelk men meende vast in het zand te zitten, reeds een beweging gemaakt en een goede positie genomen heeft. Men hoopt derhalve de lading te kunnen redden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Heden ontvangt men de droevige tijding, dat Zr.Ms. linieschip de WASSENAAR, kapitein L.L. Spengler, die de 12e dezer met troepen uit Texel naar zee gezeild en naar Batavia bestemd was, ten gevolge der gewoed hebbende stormen, de 15e daaraanvolgende bij Egmond, in een masteloze staat, op strand is geraakt. Dadelijk zijn alle mogelijke middelen, zo door het plaatselijk bestuur en de visserlieden der plaats, als door de heren gouverneur van Noord-Holland, directeur en kommandant der marine in het hoofd departement van de Zuiderzee en van den onder-directeur der marine aan het Nieuwe Diep, die dadelijk naar de plaats des onheils gesneld waren, in het werk gesteld, om zo mogelijk aan schip en equipagie alle hulp en redding toe te brengen. Men had echter, helaas ! al spoedig de zekerheid, dat van de romp van het schip niets te redden zoude wezen, en stelde dus alles in het werk , om de equipagie en troepen aan wal te sauveren, hetgeen dan ook, volgens de tot nu toe ingekomen berichten, dank zij de ijverige, stoutmoedige en menslievende pogingen der Egmonder visserlieden en der samengesnelde autoriteiten, van verre weg het grootste gedeelte der schepelingen en troepen gelukt is, zonder dat men echter nog het getal der slachtoffers met enige zekerheid konde berekenen, dat echter door sommigen op ruim 100 geschat werd. De kapitein ter zee L.L. Spengler is onder de geredden, alsmede de officieren De Kempenaer, Koll, Alestienne en Davelaer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Haarlem, 19 januari. De verschillende opgaven aangaande het stranden van Zr.Ms. schip van oorlog WASSENAAR, behelzen de volgende bijzonderheden:
De WASSENAAR is met de oostenwind van de 12e in zee gekomen, en heeft dadelijk de ruimte gezocht, zo dat het schip bij het aanwakkeren van de wind, op een aanmerkelijken afstand van de wal verwijderd was. Bij het toenemen van de storm zijn echter in de nacht van zaterdag op zondag, omstreeks vier uren, de puttingijzers van het grote want, successievelijk en binnen zeer korten tijd, gesprongen, zo dat de grote mast, hare steun missende, over boord geraakte, en in de val een groot deel van het voor- en bezaanstuig mede nam, weshalve men zich onmiddellijk genoodzaakt vond de overblijfselen te kappen ten einde de vleet kwijt te raken. Nadat een poging om ten anker te komen door het breken der touwen was verijdeld, schijnt het schip, ondanks alle pogingen, een speelbal der golven te zijn geworden, en voor de storm te zijn afgedreven. In de vroegen ochtend van dinsdag is het schip alzo met het voorsteven tegen de derde bank, anderhalf uur benoorden Egmond gestoten. De eerste stoten zijn reeds zo beducht geweest, dat het benedenschip in een ogenblik vol water is gestroomd, en een aantal van naar gissing 60 à 70 personen, daardoor overvallen, in hetzelve om ’t leven zijn geraakt.
In de nabijheid van het land komende, en in het gezicht der vuren, heeft men terstond kanonschoten gelost, ten einde hulp te erlangen, en middelen aangewend, om een lijn naar de wal te brengen. De schepelingen menen, dat een vat, waaraan een lijn was vastgehecht, het land heeft bereikt, maar in verkeerde handen is geraakt. Een poging van de luitenant Muntz, om gemeenschap met de wal te bekomen, is mede mislukt, en heeft hoogstwaarschijnlijk de dood van die officier ten gevolge gehad. Vervolgens zijn nog ettelijke andere personen met de barkas en een paar sloepen aan wal gekomen, zonder dat het echter heeft mogen gelukken, om een lijn van het schip aan land te bevestigen. De reddingsboot, welke des ochtends in zee is gebracht, heeft vruchteloos gepoogd door de branding te komen, doch heeft ettelijke manschappen, die bij het stoten van de barkas daaruit waren gesprongen, behouden. Gedurende de gehele dag van dinsdag hebben de schipbreukelingen te vergeefs gehoopt op het uitkomen van een enig der visschers vaartuigen, die in menigte te Egmond op strand stonden, en niet voor in de nacht van dinsdag op woensdag heeft de heer Krap Hellingman, controleur der belastingen te Alkmaar, dit met een pink van de heer Medebrink en met deszelfs toestemming beproefd. Na het vaartuig met een goed gevolg in zee te hebben gesleept, heeft deze wakkere man het geluk gehad, hetzelve te loefwaart van het wrak ten anker, en achter den spiegel om, aan lij aan boord te brengen, en heeft hij zijne moedige poging bekroond gezien met het redden van zo vele mensen, als zijn vaartuig bij mogelijkheid bevatten konde. Hij heeft als toen zijn tros gevierd, ten einde zijne manschappen aan de reddingsboot over te geven en alsdan op nieuw schipbreukelingen af te halen, doch de genoemde boot heeft ook ditmaal de branding niet kunnen passeren, zo dat de heer Hellingman zijn touw heeft laten slippen, om het strand te bereiken, en zijne manschappen met wagens van boord te laten halen.
Z.E. den heer gouverneur van Noord-Holland, welke reeds dadelijk de nodige bevelen had gegeven om de schipbreukelingen te redden, heeft, ter plaatse vertegenwoordig zijnde, de nodige order gesteld, dat niets verzuimd zoude worden, om dit doel te bereiken, en dat de geredden, die zich in de treurigste toestand bevonden, terstond van het nodige zouden worden voorzien. Van Texel zijn zo spoedig mogelijk enige rinkelaars gezeild, aan boord van elk zich een officier van het wachtschip de ZEELAND bevond, en deze hebben in de loop van woensdag de overige manschappen overgenomen. Door het handzaam weder is het wrak langer in zijn geheel gebleven, dan men reden had te mogen verwachten, zo dat men in de loop van gisteren nog aan en toe heeft kunnen varen, en ook, zo men zegt, enige goederen te kunnen bergen.
De manschappen, welke aan boord der Texelse vaartuigen zijn gekomen, zijn dadelijk naar het Nieuwe Diep gebracht, en aldaar, zo op het wachtschip de ZEELAND, als op het kazerneschip WILLEM I verzorgd; de overige zijn naar Alkmaar getransporteerd en aldaar door de zorg van de stedelijke overheid daartoe door de Gouverneur uitgenodigd, opgenomen. Op last van Z.K.H. Prins Frederik der Nederlanden, zijn reeds de nodige bevelen gegeven om de troepen van kledingstukken te voorzien, en reeds is een transport, begeleid door de luitenant De Greeff, van de 9de afdeling, op weg geweest, doch herwaarts teruggekeerd, omdat geheel het bataljon, ’t welk zich aan boord van de WASSENAAR heeft bevonden, alhier te Haarlem zal worden herenigd.
Van wege het ministerie van marine zijn mede terstond de maatregelen genomen, welke de omstandigheden vorderen. De heren Kuvel en Landsheer hebben zich dadelijk van Amsterdam en ’s-Gravenhage, naar Egmond begeven.
Het aantal der genen, welke bij het stranden in het schip zijn verdronken en in de dag en nacht van dinsdag op het wrak van koude en ongemak zijn bezweken, of bij het naar wal gaan zijn omgekomen, kan nog niet met zekerheid worden bepaald. Men vleit zich evenwel, dat het weinig meer dan honderd zal belopen. Men vleit zich met alle reden, dat men van de zee-officieren alleen den heer Muntz te betreuren heeft en dat alle de officieren van de troepen aan wal zijn gekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 22 januari. Men verneemt, dat Zijner Majesteits schip van oorlog de WATERLOO, bestemd naar Batavia, door de zware storm van de 14e dezer belopen, masteloos en in een ontredderde staat, 3 mijlen (opm: men bedoelt hier Duitse mijlen à 7.000 m) ten NW. van het eiland Borkum, welk eiland 5 mijlen (opm: Duitse mijlen) van Delfzijl verwijderd ligt, geankerd is, hebbende 13 vademen water onder de kiel.
De heer A. van Dalen, kapitein ter zee, kommanderende het voorschreven schip van linie, vond op de 18 dezer gelegenheid, om met de visschuit van den loodsman W.C. Staghouwer, schriftelijke tijding te doen overbrengen aan de Burgemeester van Delfzijl.
Die tijding, de 19 dezer te Delfzijl ontvangen, hield in een verzoek aan de autoriteiten van Ameland, Schiermonnikoog, en Ter Schelling, om alles, wat in hun vermogen is, aan te wenden, dat alle vaartuigen, welke geschikt zijn, om schepen te slepen en goederen en manschappen te bergen, naar buiten te zenden, ter adsistentie van Zijner Majesteits opgemeld schip. En voorts om tot Texel toe per expresse de nodige publiciteit aan opgemeld ongeluk te geven, ten einde van daar ook vaartuigen worden uitgezonden.
De gezegde tijding is dadelijk, overeenkomstig het verzoek van de kapitein ter zee, overgebracht geworden, en dezelfde avond ten 5 ure per expresse medegedeeld
aan de heer Gouverneur dezer provincie, terwijl de burgemeester van Delfzijl inmiddels de in de haven liggende koffen, smakken en tjalken heeft doen aanzeggen, om op te tuigen en zich in gereedheid te brengen, om zo dra mogelijk ter redding uit te zeilen. De heer Gouverneur heeft dadelijk per expresse de vereiste bevelen afgevaardigd naar de Zoutkamp, om alle de aldaar disponible en daartoe geschikte schepen onverwijld te doen zee kiezen tot hulp van de WATERLOO, het zij om die bodem op te boegseren of tot lichters te dienen.
Hetzelfde heeft Zijne HoogEd.Gestr. doen te kennen geven aan het in Vriesland gelegene Pesens (opm: Peasens) en het eiland Wieringen, en is Zijne HoogEd.Gestr. voorts, na de heer luitenant ter zee der eerste klasse, Stavorinus, onder-inspecteur van het loodswezen alhier, te hebben uitgenodigd, om zich naar Delfzijl te begeven, ten einde met de burgemeester alle die maatregelen te overleggen en tot stand te helpen brengen, welke tot een spoedig werkende hulp dienstbaar kunnen zijn, in persoon derwaarts vertrokken. De heer Gouverneur heeft, na een nauwkeurig onderzoek daar ter plaatse nopens het reeds verrichte al verder dat gene doen aanwenden, wat in de gegeven omstandigheden nuttig, noodzakelijk en doeltreffende is voorgekomen, speciaal ook met betrekking tot het opontbieden van Veendam, Pekel-A en andere streken van die zeelieden, wier schepen zich onopgetuigd in de haven van Delfzijl bevinden, en voorts ook met betrekking tot het maken van schikkingen, met overleg van de heer generaal-majoor, provinciaal kommandant, welke zich tot dat einde insgelijks naar Delfzijl had begeven, nopens het huisvesten en voeden der militairen en matrozen, wanneer deze met lichters te Delfzijl mochten worden aangebracht.
Alle maatregelen ter redding, hoe spoedig en doeltreffend genomen, werden echter te Delfzijl verhinderd dadelijk in werking te worden gebracht door de eensklaps vermeerderende vorst en het invallende slechte weder, waardoor het uitzeilen belet werd. Deze teleurstelling voor de welgezinde en hulpvaardige schippers werd eenigermate verzacht door de verzekering van deskundigen, dat het linieschip op geen gevaarlijke plaats was liggende.
De 20e, des namiddags te half 4 uur, niettegenstaande het weder in genendele was bedaard, gelukte het twee tjalkschepen de haven uit te brengen, namelijk het ene gevoerd bij schipper A.H. Drent en het andere bij H.H. Wolkammer.
Ingevolge de door de heer Gouverneur gegeven bevelen, worden alle de schepen, die zich in de haven van Delfzijl bevinden, opgetuigd, zeilree gemaakt en van ballast voorzien, welke schepen bestemd zijn om bij gunstig weder uit te zeilen, zodra derzelver opontboden equipage zal zijn aangekomen, en waar van reeds enige personen te Delfzijl zijn gearriveerd, hetwelk reeds dit gunstig gevolg gehad heeft, dat op de 22e dezer 5 vaartuigen zouden vertrekken, als een smak, een kof en de drie veerschepen van Delfzijl op Emden.
Wijders verneemt men van de Zoutkamp, dat de bevelen van de heer Gouverneur aldaar met spoed en nauwkeurig worden uitgevoerd, zijnde de burgemeester van Ulrum, tot dat einde in persoon derwaarts gegaan de 20e dezer, des ochtends te 3 uren, als hebbende de bevelen van de heer Gouverneur weinige oogenblikken te voren ontvangen. De bemoeienissen van deze ambtenaar hebben dan ook ten gevolge gehad, dat dadelijk alle schippers hunne visschuiten, ten getale van 21, in gereedheid gebracht hebben, en die zelfde dag reeds, des voormiddags te 11 uren, zeilree lagen en zee zouden kiezen. Ook is ’s Rijks uitlegger op het Uithuizerwad, welke in de haven te Zoutkamp was liggende, gereed gemaakt, om ter hulpe van de WATERLOO te kunnen toesnellen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Door toeval uit de hand te koop een extra-ordinair welbezeild tjalkschip (opm: VROUW HENDERIKA), varende onder Nederlandse vlag, groot ca. 30 roggelasten, met zeil en treil, alles in de beste staat, om zo voort naar zee te kunnen gaan, liggende hetzelve in de haven van Delfzijl.
Iemands gading zijnde, gelieve zich ten spoedigste, of in persoon, of met vrachtvrije brieven, te adresseren bij de eigenaar Jan O. Visser te Farmsum. (opm: het schip werd gekocht door Janneke Tjercks van der Zee uit Schiermonnikoog; de nieuwe naam werd TWEE ZUSTERS)


  LC - Leeuwarder Courant

Kallandsoog,16 januari. Laatsleden zondag (opm: 14 januari) is ook hier een vaartuig gestrand, het was een tjalk, de HOOP genaamd, met haver van Harlingen naar Londen bestemd. Van de drie man, die aan boord waren, borgen zich twee met zwemmen aan land. De derde is insgelijks gered geworden, door den voorbeeldige moed en volharding van twee sloeproeiers der reddingboot van welke de een, Arie Vos, met ene lijn om het lijf, tegen een vloed in en door de verschrikkelijke branding, tot driemaal toe poogde aan boord te zwemmen, eindelijk zijne krachten hem begevende, verving hem de tweede, Teunis Vos, en slaagde om den ongelukkige aan wal te brengen. Op gelijke wijze is, door ene inwoner van Kallandsoog, Pieter Burger geheten, vroeg in de ochtend van maandag, het volk van ene gestrande Franse visser met 12 koppen bemand, gered geworden.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 22 januari. In den namiddag van eergisteren, is te Harlingen met schade uit zee binnen gelopen het kofschip de JONGE CORNELIS, gevoerd wordende door kapt. Gerrit Goudappel, van Rotterdam naar Londen gedestineerd, welke rapporteert op woensdag de17e dezer, in de nabijheid van het eiland Borkum, masteloos geankerd te hebben gezien, het Nederlands oorlogsschip WATERLOO, de 12e dezer met het schip de WASSENAAR uit Texel gezeild. Het gouvernement dezer provincie heeft dadelijk last gegeven, dat alle de geschikte vissers- en andere vaartuigen, zo op onze kusten als eilanden aanwezig, met de meeste spoed, tot assistentie van de WATERLOO moesten toesnellen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 13 januari binnen gekomen de smakschepen de JUFFER HENDRINA, kapt. B.H. Engelsman en de VROUW ALIDA, kapt. Kornelis Timmer, beide met ballast van Londen.Uitgezeild: De schoner NORTHAM, kapt. D. Charrosin, met haver naar Londen.
Den 17 dito binnen gekomen het tjalkschip de VRIENDSCHAP, kapt. T.D. Hund, met ballast van Londen. Uitgezeild: Het schonerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, met boter naar Londen.
Den 18 dito met schade binnen gekomen het kofschip de JONGE YPEUS, kapt. H.H. de Weerd jr., met haver naar Londen gedestineerd en het sloepschip WALTER MATTHEWS, kapt. James Mauldon, met ballast van Londen.
Den 19 dito binnen gekomen het schonerschip UNION, kapt. A. Gallaway, met ballast van Londen.
In het jaar 1826, zijn alhier binnen gekomen 432 en uitgezeild 462 schepen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Brussel, 16 januari. Bij besluit van den 27 december laatstleden heeft Z.M. tot voorzitter van de Nederlandsche Handel-Maatschappij opnieuw benoemd jonkheer W.G. van de Poll, en zulks tot den 1 juni 1827; zullende eerst met dat tijdstip ingaan het vroeger aan hem, op zijn verzoek, verleende eervol ontslag als directeur van die maatschappij.


 MCO - Middelburgsche Courant

Antwerpen, 17 januari. Het vrij algemeen verspreid gerucht, als of het bij Neuzen gestrand schip DE SCHELDE geheel en al, met de lading, verloren zou zijn. is verre van gegrond te wezen. Men werkt met ijver aan de lossing van het schip, en was gisteren reeds geslaagd met er een grote menigte koopmansgoederen uit over te nemen. Men heeft voorts hoop om het schip wederom vlot te krijgen, en tot dat einde zijn van hier ook bekwame lieden in dit vak naar Neuzen vertrokken.


 MCO - Middelburgsche Courant

Antwerpen, 18 januari. De gunstige uitzichten, welke men hier gisteren koesterde nopens de mogelijkheid om het schone fregatschip DE SCHELDE te redden, bevestigen zich. Het ophouden van het ruwe weer was een noodzakelijke voorwaarde van behoud, en die omstandigheid zich opgedaan hebbende, heeft men met zoveel vrucht kunnen werkzaam
zijn, dat het schip, hetwelk men meende vast in het zand te zitten, reeds een beweging gemaakt en een goede positie genomen heeft. Deze beweeglijkheid geeft de billijkste hoop om het met de lading te redden. In de storm had het deszelfs loze kiel en roer verloren. De
kapitein van het schip wordt gezegd, in de hachelijke toestand waarin hij zich bevond, met even veel koelbloedigheid als bekwaamheid gemanoeuvreerd te hebben.

MCO 230127
Men heeft berichten uit Duins (opm: The Downs), van den 12 dezer, waarbij gemeld wordt, dat Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, kapitein Lucas, die dag van daar onder zeil gegaan was en om vier uren van die namiddag Zuid-Voorland (opm: South Foreland) in goede staat was omgezeild, met NW en bijkans N wind, koers zettende in het Kanaal.


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 22 januari. Uit Haarlem den 19 worden nog enige bijzonderheden aangaande het stranden van Zr.Ms. schip DE WASSENAAR medegedeeld, waaruit blijkt, dat, in de nacht tussen zaterdag en zondag, de puttingijzers bij het grote want gesprongen zijnde, de grote mast over boord is geraakt, en in de val een groot deel van het voor- en bezaanstuig heeft meegenomen, zodat men dadelijk gedrongen is geweest de overblijfselen te kappen, ten einde de vleet kwijt te raken. Alstoen is het schip een speelbal van de golven geworden en voor de storm afgedreven.
In de vroege morgen van dinsdag is hetzelve met zulk een geweld tegen de derde bank benoorden Egmond gestoten, dat het benedenschip in een ogenblik vol water is gestroomd, waardoor naar gissing 60 à 70 personen zijn versmoord. De pogingen om van het schip een lijn aan wal te brengen, zijn niet gelukt, maar hebben zelfs hoogstwaarschijnlijk het omkomen van de luitenant Muntz* ten gevolge gehad. Enige personen met de barkas en een paar sloepen zijn nog aan wal gekomen, doch zonder dat het ook hen heeft mogen gelukken een lijn van het schip aan land te bevestigen. De reddingsboot, des ochtends in zee gebracht, heeft vruchteloos gepoogd door de branding te komen, doch heeft ettelijke manschappen, die bij het stoten van de barkas daaruit waren gesprongen, behouden. In de nacht van dinsdag op woensdag heeft de heer Krap-Hellingman, controleur van de belastingen te Alkmaar, zich zeer verdienstelijk gemaakt in het redden van zo vele mensen, als de pink, waarmede hij is in zee gegaan, heeft kunnen bevatten.
De door de spoedige en goede zorg van de onderscheidene autoriteiten en particulieren geredde manschappen zijn zo naar Alkmaar, als naar het wachtschip DE ZEELAND en het kazerne-schip WILLEM I vervoerd en worden aldaar verzorgd. Op last van Prins Frederik der Nederlanden waren de nodige bevelen gegeven, om de troepen van kledingstukken te voorzien, en reeds is een transport op weg geweest, doch naar Haarlem teruggekeerd, omdat het bataljon, hetwelk zich aan boord van DE WASSENAAR heeft bevonden, in gemelde stad zal worden herenigd.
Men rekent, dat het getal van de omgekomenen weinig meer dan 100 zal belopen. De heer Muntz is, zo ver men zeker meent te weten, de enige officier die het leven heeft verloren.


 MCO - Middelburgsche Courant

Van Amsterdam de 19 kunnen wij het volgende melden: Met genoegen verneemt men door particuliere doch zekere berichten, te weten, door de mededeling van een brief, door de kapitein Van Dalen aan deszelfs echtgenote te Alkmaar geschreven, dat het schip DE WATERLOO in goede staat te Deal is binnengelopen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 20 januari. De 17 dezer is alhier ter rede gekomen, LE VANNEAU, kapT L. Huillier, van Cherbourg naar Rotterdam bestemd, met ballast.
Ook zijn den 17 en 18 dezer, voor Antwerpen bestemd, op onze rede aangekomen: MAGDALENA, kapt. H.R. Lutje, van Petersburg, en ANTWERPS PACKET, kapt. L. Hawegh, van Hull, beide met stukgoederen; L'AVENTURE, kapt. J.M. Jongheim, van Rio-Grande, met huiden en horens; MARIA (opm: kof), kapt. P.E. Boer, en DE JONGE ISABELLA (opm: kof), kapt. H.B. Drent, beide van Londen, met stukgoederen.
Voorts zijn van Antwerpen de Schelde afgekomen, en de 17 en 19 dezer van onze rede naar zee gezeild: DE VROUW HENDRINA, kapt. H. van den Oever, met boomschors; DE VROUW HELENA, kapt. S.C. de Vries, met haver, en LONDON PACKET, kapt. H. Ie Macky, met stukgoederen, alle drie naar Londen; THE ALFRED, kapt. W. Bellingham, naar Guernsey, met stukgoederen; CAROLUS, kapt. C.J. Claassens, naar Topsham, met boomschors; LINCOLN, kapt. F. Wood, naar New-Orleans, met ballast; CLOTILDE, kapt. H.J. Polter, naar Liverpool, met vlas en rogge; THE MARY ANN, kapt. J. Walter, naar Duinkerken, met ballast; ANTWERPSCH WELVAREN, kapt. N. Peters, naar Rio de Janeiro, met stukgoederen; DE JULIA, kapt. J. P. Visser, naar Londen, met haver; DE VRIENDEN, kapt. T. Nosten, naar Rio de Janeiro, met ballast; ZEPHYR, kapt. W. Osgood, naar New-Orleans, met metselsteen; THE CONFUCIONS, kapt. J. Riley, naar Cadix, met ballast.


24 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping. Men presenteert te verkopen, op donderdag de 25e januari 1827, des morgens om elf ure, in Calands-Oog: het aldaar op de 14e dezer gestrande tjalk-schip de HOOP, van Harlingen, gevoerd geweest bij kapt. J.J. Hut, met deszelfs ankers, touwen en verdere inventaris (opm: de zeebrief werd op 24 februari naar Den Haag geretourneerd onder vermelding ‘schip verongelukt’; zie ook LC 220527).
Iemand, gading hebbende, kome ter plaatse, dage en ure vermeld.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 21 januari. Uitgezeild: AMALIA ELIZABETH, kapt. C. de Wit, naar de kust van Genua.
Te Suriname zijn aangekomen, de 31e oktober (1826) DE ONDERNEMING, kapt. H. Eeltjes van Middelburg, 19 november (1826) WILHELMINA, kapt. M. Spreeuw, GODEFRIDA, kapt. A. Hansen en de 22e dito DE VEREENIGING, kapt. W. de Boer.


25 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 januari. Den 22, des morgens, zeilden van Hellevoetsluis ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, naar Batavia. NEÊRLANDS KONINGIN, kapt. W. Verloop, is door behulp van ijssloepen door het ijs, tussen de Oude- en Nieuwehaven, aan de hoofden vastgemaakt. Er drijft veel ijs op de stroom.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 januari. Den 23 des morgens arriveerde te Helvoetsluis Zr.Ms. stoompaket CURAÇAO, luitenant J.W. Moll, en is aldaar op de haven gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Aangaande het schip DE SCHELDE, kapt. C. Neurenberg van Antwerpen naar Batavia, wordt in een brief van Antwerpen van den 20 dezer gemeld, dat van hetzelve reeds 6 lichters met goederen, zeilen en tuigage te Antwerpen waren aangekomen; de goederen waren echter ontramponeerd, nat en beschadigd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Het gestrande schip ALBERT, kapt. J. Wittorp, van Bordeaux naar Hamburg, is volgens brief van Tonningen van den 18 dezer, wrak; het volk is gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 januari. Volgens brief van kapt. J. Fuchs, voerende het brikschip CLARA HENRIETTA, van Amsterdam naar Batavia, geschreven den 13 dezer, in de Hoofden (opm: Nauw van Calais), was hij toen met ongelijke westelijke koelte aldaar kruisende, hebbende sedert de avond van het uitzeilen uit Texel steeds tegenwind en tweemaal vliegend stormweer uit het ZW en WNW gehad; het schip voldoet volkomen, en de equipage en troepen waren in de beste staat.


 MCO - Middelburgsche Courant

’s Gravenhage, 21 januari. Nog bij voortduring is men bezig goederen van het gestrande schip WASSENAAR te redden, onder het opzicht van de heer Lantsheer, administrateur der Marine, die voor alsnog op de plaats blijft, om het opzicht over alles te houden. De troepen zijn gedeeltelijk te Alkmaar ingekwartierd, gedeeltelijk naar Texel gebracht, en op Zr.Ms. schepen aldaar geëmbarqueerd.


 MCO - Middelburgsche Courant

Omtrent het lot van Zr.Ms. schip van oorlog DE WATERLOO, zijn ons, van goederhand, de navolgende berichten medegedeeld:
De burgemeester van Terschelling heeft, op den 19 januari, aan het Nieuwe Diep, de eigenhandige tijding aangebracht van de kapitein ter zee Van Daalen, commanderende het met troepen naar de Oost-Indië bestemde schip van oorlog DE WATERLOO, dat hetzelve schip, op de hoogte van het eiland Borkum, voor deszelfs ankers, doch masteloos, was liggende.
Kapitein Spiljard, voerende het particuliere koopvaardijschip ACTIVE (opm: kapt. Spilliard van de brik ACTIF, thuishaven Antwerpen), aan wie de kapitein ter zee Van Daalen, deze tijding, ter overbrenging heeft ter hand gesteld, heeft bericht, dat DE WATERLOO in een goede staat van dichtheid zou zijn.
In den nacht van den 18 op den 19 dezer, zijn reeds elf loodsschuiten van Terschelling, tot het verlenen van de nodige hulp en adsistentie aan het schip DE WATERLOO, afgezonden, terwijl ook tot dat einde, dadelijk naar hetzelve, van het Nieuwe Diep, zijn vertrokken de zich aldaar bevindende stoompakket CURAÇAO, mitsgaders de stoomboot NOORDHOLLAND.
Nadere berichten melden, dat de beide stoomboten in het Nieuwe Diep zijn terug gekomen, zonder het schip DE WATERLOO te hebben kunnen genaken; alsmede dat kapitein Mugge, voerende een kofschip, doch welke dadelijk door het kanaal is vertrokken, zou gezegd hebben, den 19 dezer des morgens, vijf mijlen van de wal, aan deze zijde van Terschelling, DE WATERLOO te hebben gezien, door enige vaartuigen gesleept wordende.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 23 januari. Heden zijn in de haven alhier binnengekomen, DE VRIENDSCHAP, kapt. H.J. Ketelaar, van Genua, met koopmansgoederen, en DE JUFFROUW JOHANNA, kapt. J.J. Tiddens; de eerste uit hoofde van het winterweer en de tweede wegens lekkage.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen, en den 20 en 21 dezer van Onze rede naar zee gezeild : THE CYGNET, kapt. M. Ingersoll, naar Charlestown, met ballast; BARBARA, kapt. J. J. Collicott, naar Londen, met boomschors en meekrap; PEACE OF GUERNSEY, kapt. N.W. Moullin, naar Guernsey, met stukgoederen; THE MERIDIAN, kapt. A. Hatch, naar Londen, met boomschors; RACHEL AND ANN, kapt. A. Ash, naar Hull, met boomschors en haver; THE MANIFIELD, kapt. A. Martin, naar Aberdeen, en THE GENERAL BROCK, kapt. H. Eden, naar Liverpool, beide met haver.


26 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Antwerpen, 22 januari. De Brusselse couranten hebben aangekondigd, dat het fregatschip DE SCHELDE reeds gered en in vlot water gebracht was. Deze tijding moeten wij tegenspreken. Wij hebben berichten van Terneuzen van gisteren, waarin gezegd wordt, dat men nog altoos ijverig werkzaam was en steeds hoop had om gezegd schip te redden.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op Den Helder. Men zal op dinsdag de 30e januari 1827, des avonds ten 7 ure, in het Heeren-Logement, op Den Helder, publiek voor contant geld, presenteren te verkopen: het hol of casco van het nabij Huisduinen gestrande Amerikaanse schip MANDARIN, gevoerd geweest bij kapt. J. Ripeto, met masten, onderwand en kombuis; mitsgaders de daarin gedeeltelijk zich nog bevindende lading tabak, cacao en verfhout, benevens de daarvan geborgene tuigage, bestaande in ankers, zeilen, staand- en lopend want en verdere inventaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 21 januari. Een op heden bij ons uit Alkmaar ter plaatsing ontvangen rapport bevat de bijzonderheden der zo edele als menslievende wijze, op welke de ongelukkige schipbreukelingen van de WASSENAAR, onmiddellijk door de burgemeester, verdere autoriteiten en ingezetenen dier stad zijn opgenomen en verpleegd geworden. Kleding en verwarmend voedsel zijn hun onmiddellijk in ruime mate toebedeeld; aan de gewonden is de spoedigste hulp toegebracht; aan een matroos, wiens been door de val der mast gebroken was, is hetzelve binnen het uur in het Burgergasthuis weder gezet, en is er alle hoop op zijn herstelling. Met dezelfde bezorgdheid zijn eindelijk de matrozen naar Den Helder, aan boord van de ZEELAND, getransporteerd, en de militaire manschappen, door de heer stedelijken kommandant der stad overgenomen, en door de heer burgemeester van dekens, tot verwarming, voorzien, naar Haarlem overgebracht.
Van de zee-officieren van de WASSENAAR vermist men tot nog toe, behalve de heer Munz, de buitengewoon luitenant ter zee T.L. Cramer, die gezegd wordt, gedurende de tocht zich met veel manmoedigheid en beleid te hebben gedragen. Waarschijnlijk is hij, bij een poging om aan wal te komen, ook verongelukt. De kapitein der infanterie Boas zijn door het vallen van een mast, de benen verbrijzeld.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, de 25 januari. Men verneemt, dat de zo sterk en zo spoedig ingevallen vorst en het daardoor veroorzaakte drijfijs tot dus verre alle pogingen dezerzijds aangewend, om het oorlogschip de WATERLOO te hulp te komen, verijdeld hebben. Diensvolgens heeft geen der schepen, welke te Delfzijl zeilree lagen, de haven kunnen verlaten, en zijn de twee tjalkschepen, welke van daar de 20e dezer waren uitgezeild, vooral door het drijfijs verhinderd geworden om het linieschip te bereiken. Deze twee tjalkschepen bevonden zich de 22e wederom in het gezicht van Delfzijl, van rondom bezet door het ijs en in een gevaarlijke positie. Een dezer schepen, gevoerd bij schipper H.H. Wolkammer, heeft zich sedert in de Bocht van Watum gered, en is het scheepsvolk aan land gekomen; het andere, gevoerd bij schipper H.H. Drenth, hetwelk na twee malen geankerd te hebben, tot onder Borkum was gekomen, is door het drijfijs belet verder te zeilen en in hetzelve bezet geraakt, voorts met de eb weggeschoven tot voor het Dukegat aan de Vierhuister Riete (opm: de Vierhuister stroom), alwaar hetzelve niet zonder gevaar is liggende. De vereiste maatregelen zijn dadelijk genomen, om bij eventueel verlies van het schip de manschap te redden.
Ook de visserlieden, welke op de 20e van de Zoutkamp te hulpe waren uitgezeild, zijn op de 21e teruggekeerd, uit hoofde van de omstuimigheid van de Noordzee en de onmogelijkheid om over het Groninger Wad te zeilen, ter zake het weinige water en de verschrikkelijken ijsgang.
Inmiddels gaat men te Delfzijl ijverig voort met schepen op te tuigen en dezelve van ballast te voorzien, en deze, zo wel als de visserlieden te Zoutkamp, zullen, zodra de gelegenheid het maar eenigzins toelaat, zich onverwijld naar de ligplaats van het oorlogschip begeven.
De tijding, als of het linieschip de WATERLOO, reeds op de 19e zou gezien zijn, gesleept wordende door andere schepen, schijnt geen geloof te verdienen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door verandering van affaires wordt uit de hand te koop gepresenteerd:
Een hecht en sterk welbezeild Tjalkschip, groot 40 lasten, op gemakkelijke condities, bij R.C. de Vries, te Akkrum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Alle de genen welke iets te presenteren hebben van, of verschuldigd zijn aan den boedel van wijlen Jan Jacobs Polle, in leven Trekschipper van Harlingen op Leeuwarden, et vice versa, gewoond hebbende en voor enige tijd overleden te Harlingen, worden verzocht daarvan opgave te doen aan den griffier H. Smith, te Harlingen, uiterlijk voor de 20 februari aanstaande.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een Beurtschip, varende in de beurt van Grouw op Amsterdam, groot 14 ellen 763 strepen. Adres aan den eigenaar J.K. Boonstra, te Grouw. Brieven franco.


27 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 januari. In een brief van Harlingen van den 19 dezer wordt gemeld, dat daags tevoren aldaar, schier naakt en genoegzaam van alles ontbloot, aangekomen zijn twaalf man van het Pruisisch schip JOHANNA, kapt. F.E. Ras, met hout, haver en boter, van Dantzig naar Londen, hetwelk zij, uit hoofde van bekomen lek, genoodzaakt waren geweest den 16 bij de Engelsmanplaat op strand te zetten, waar het bij de eerste stoot in weinige ogenblikken verbrijzeld werd, zonder dat het mogelijk was om iets te bergen; het volk, dat zich met de boot redde, was daarmede des nachts op een bijna wonderdadige wijze, bij Oostmahorn aan land gekomen.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 25 januari. Binnengekomen: ALIDA JOHANNA, kapt. K.W. Stuit van Guernsey. (opm: kapt. Koert Willems Stuit overleed enkele dagen later [overlijdensakte Den Helder 30 januari 1827], waarna de kof, bouwjaar 1826, in april werd verkocht)


 MCO - Middelburgsche Courant

Brussel, 22 januari. Door Z.Exc. de Minister van Marine en Koloniën is, den 19 dezer, een officieel verslag gedaan, omtrent de geredden van Zr.Ms. schip WASSENAAR. Het getal der doden wordt op omtrent 40 begroot. Behalve degenen, die zich naar Alkmaar, Texel en Den Helder hebben begeven, zijn den 18 dezer in het Nieuwe Diep omtrent 400 manschappen, zo officieren als soldaten, aangekomen; waaronder men rekent 140 van de Marine, en boven de 300 man linie-troepen.


 MCO - Middelburgsche Courant

’s Gravenhage, 23 januari. Volgens eigenhandig bericht van de kapitein ter zee Lucas, commanderende Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, in dato den 17 januari ll., is hij, op die dag, met gunstige wind en in goede staat, opnieuw van Duins (opm: The Downs) naar zijn bestemming onder zeil gegaan.
Tijdingen uit Duins ontvangen, van den 17 januari jl., melden, dat Zr.Ms. pakket DE ZWALUW, onder commando van de luitenant der 1ste klasse F.H. Ampt, aldaar is binnen gelopen, komende van Curaçao , van waar dezelve den 4 december was uitgezeild. Het schip en de equipage bevonden zich in een gunstige staat.
De 21e dezer zeilde naar zee Zr.Ms. transportschip ZEEMEEUW, kapitein-luitenant Paramaribo.


29 januari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Op donderdag de 1e februari 1827, des voormiddags ten 11 ure precies, zal men ten overstaan van de notaris Jan Karshof, in het Nieuwe Logement te Wijk aan Zee, publiek veilen, (om contant geld) presenteren te verkopen, uit zee aangespoeld: 16 pakken Canewou, 196 pakken Havana, 2 pakken Havana, 2 pakken Portorica bladen en circa 1000 losse Portorico rollen tabak; benevens 33 ps. Geel verfhout. Alles uit het verongelukte brik-schip ANNA CELESTINA, kapt. C. Garrels (opm: waarschijnlijk buitenlander). Liggende de goederen in het pakhuizen te Wijk aan Zee en des morgens op de verkoopdag te zien.


30 januari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 januari. De 20e des avonds is de Nederlandse oorlogsbrik de ZWALUW, van Curaçao naar Hellevoetsluis, door een Chinavaarder aangezeild en heeft zijn boegspriet verloren. De ZWALUW ligt te Deal, waar zij een nieuwe boegspriet bekomt.


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 28 januari. Behalve het bovenstaande, uit de Staats-Courant overgenomen bericht, (opm: zie opmerking aan het eind van dit artikel) bevat onze ’s Gravenhaagsche Courant een artikel, tot antwoord strekkende op een brief, welke voor enige dagen in de Arnhemsche Courant het licht gezien heeft. De schrijver van de brief, die zich S.O. tekent en bij de schipbreuk van de WASSENAAR aan boord van denzelven schijnt geweest te zijn, had zeer geklaagd over de slechte gesteldheid van dit schip en van deszelfs uitrusting; over het dralen in het gereedmaken en de overhaasting bij het uitzenden der expeditie; doch boven dat alles over het onmeedogende en roofzuchtig gedrag onzer zo dikwerf door hun landgenoten ondersteunde strandbewoners, die zo slechts het geringste gedeelte van hetgeen de briefschrijvers hun te last legt waarheid ware, inderdaad de afschuw aller weldenkenden zouden verdienen. Men mag echter hopen en verwachten, dat zij zich van de blaam zullen weten te zuiveren. Het artikel in de Haagsche Courant, hetwelk uitsluitend de expeditie betreft, luidt aldus;
De brief van de heer S.O., is in de Arnhemsche Courant van donderdag, de 25e dezer, heeft voorzeker bij velen een zeer onaangename indruk verwekt.
De schrijver begint met aan te merken, dat Engeland niet meer dan acht dagen nodig gehad heeft, om, na het nemen van het besluit, zijn troepen zee te doen kiezen, terwijl men hier vele weken benodigd had, om onze expeditie zeilree te maken. Maar wie verzekert de schrijver, dat vóór die acht dagen reeds geen maatregelen in Engeland genomen waren? Is de reis van de minister Canning naar en zijn verblijf in Parijs vruchteloos geweest? Zou de nota van de Portugese minister alleen de drijfveer van het bekende besluit des parlement geweest zijn? Mag, ja moet men niet veeleer aannemen, dat de schrandere minister reeds lang de loop der zaken voorzien had en met het Franse ministerie de handelwijs, in deze te houden, had vastgesteld en dat hij, dien ten gevolge, bij zijn terugkomst in Groot-Brittannie al die maatregelen genomen heeft, welke de uitrusting en proviandering der schepen; de inscheping der troepen en het zee steken der expeditie, in acht dagen mogelijk maakten. Hoe gaarne wij ook aan de bekwaamheden der Britten, in de behandeling van zeezaken, hulde doen, houden wij het voor onmogelijk, zonder voorafgaande toebereidselen, dat alles in acht dagen te doen, wat zij gedaan hebben. Bovendien hebben de Britten middelen tot bespoediging van zulk een expeditie, welke wij missen. Hun magazijnen en werven zijn, door het groter vermogen des Rijks, ruimer van alles voorzien, dan de onze. Door de presgang kunnen zij in een dag hun oorlogsschepen met bekwame matrozen bemannen, waartoe wij weken, ja somwijlen maanden, nodig hebben. De koning van Brittannie heeft de vrije beschikking over het leger en op zijn bevel vertrekken de troepen onverwijld, werwaarts hem zulks goeddunkt, terwijl onze koning die macht, omtrent de verzending der krijgslieden naar buiten ’s lands, niet bezit, en, in dat bijzondere geval, door vrijwilligers het gemis van die ruimere macht heeft moeten aanvullen. De bijeentrekking van die vrijwilligers uit onderscheidene provinciën en uit onderscheidene korpsen, derzelver uitrusting, organisatie enz., hebben natuurlijk enige tijd moeten doen verlopen. Het is ook een groot onderscheid, schepen en troepen uit re rusten en te provianderen voor een kortstondige overtocht, gelijk die naar Portugal en voor een langdurende expeditie, gelijk die naar de Oost-Indiën. Wel verre, dat het gouvernement ten dezen van traagheid kan beschuldigd worden, zal elk onpartijdige hetzelve gaarne lof toezwaaien. De ongemene spoed, waarmee de drie linieschepen in gereedheid gebracht zijn, heeft deskundigen zelfs bewonderd.
De aantijgingen van de schrijver, omtrent de traagheid der uitrusting, vervallen dus en met dezelve de beschuldiging, dat de oorzaak van die traagheid aan de verwarrende en wijdlopende werkzaamheden van nog voortheersenden Franse centralisatiegeest zou toe te schrijven zijn. Deze beschuldiging is zo algemeen en staat zo weinig in verband met een uitrusting naar Java, dat wij onnodig rekenen dezelve te wederleggen. Wij gaan dit dus, even als de uitval omtrent de toestand van onze volksplantingen en van onze financiën, stilzwijgend voorbij.
Nu volgen enige klachten omtrent de ouderdom van het schip DE WASSENAAR, omtrent het bederf der victualie en omtrent het dadelijk inschepen der troepen. De schrijver is niet wel onderricht omtrent de ouderdom van het schip. Hetzelve kan ten hoogste 8 of 9 jaren oud zijn. Deszelfs ouderdom kan dus geen invloed op de rampen, welke het troffen, gehad hebben. En wat het bederf der victualie betreft, de schrijver schijnt zulks nauwkeurig te
weten. Doch op welk een wijs heeft hij de kennis verkregen? Voor elk is de toegang tot de victualiën niet geopend; slechts enkelen weten aan boord van een schip hoe het daarmee
gelegen zij. Bovendien, durven wij, zonder nadere bewijzen, in twijfel trekken of op de rede
zich reeds bederf zou geopenbaard hebben. Dit had in zee kunnen geschieden, doch op losse gezegden beschouwen wij deze klachten als ongegrond. En hoe kan de klacht van de schrijver over het vroeg inschepen der troepen overeengebracht worden met zijn vorige klacht over de traagheid der uitrusting? Zou het langer verblijf der krijgslieden aan land geen oponthoud gegeven hebben? Eiste de aard der zaak zelve en de orde niet, dat de troepen terstond aan boord kwamen om zich voor het uitzeilen enigszins aan het scheepsleven te gewennen, om terstond in zee te kunnen steken, zodra de goede wind zou waaien? Wij willen hier niet bijvoegen dat vrees voor desertie zulks noodzakelijk gebood.
De even zeer gevreesde als gewenste oostenwind, dus vervolgt de schrijver, kwam intussen opzetten en kapt. Spengler volgde, omdat hij stellige orders had, het voorbeeld van een vermetelen koopvaarder en stak in zee. Zo de heer Spengler stellige orders gehad heeft, waaraan wij evenwel met grond mogen twijfelen, dan heeft hij getrouw zijn plicht betracht; zo niet, dan was hij zeeman en moest naar zeemanschap handelen. Na het verliezen van het tuig heeft men een geruime tijd op de Breeveerden (opm: de Breeveertien; zeegebied tussen de paralellen door Texel en Scheveningen en begrensd door de meridianen 03 30 O en 04 00 O) ten anker gelegen. Hiervan wordt niets gemeld, doch wel, dat men zonder voedsel was en zich te buiten ging in sterke drank. Maar kon men dan drank onder uit het schip krijgen, waarom dan ook geen spijs? De angst en verwarring hebben waarschijnlijk de schrijver niet alles met die nauwkeurigheid doen waarnemen, waarmee hij de omstandigheden in meer bedaarde gemoed gesteldheid zou hebben gade geslagen. Hij zelf getuigt dit aan het einde van zijn brief.
“Voor het sluiten van de brief, spreekt de schrijver nog van DE WATERLOO en van het gemis van evenwicht in de ballast van dien bodem. Hij noemt dat schip, in tegenoverstelling van DE WASSENAAR, een prachtig nieuw schip, en wil daardoor, als het ware, de gesteldheid van DE WASSENAAR nog zwarter maken. Zo als wij gezegd hebben was DE WASSENAAR niet oud, maar behalve dat, heeft de nieuwheid van het ene, noch de ouderdom van het andere schip hier iets heeft afgedaan, daar beide schepen, om zo te spreken, hetzelfde lot getroffen heeft en de omstandigheden alleen daaraan een min of meer gunstige wending gegeven hebben. Het gemis van evenwicht in de ballast zijn wij niet in staat tegen te spreken, doch is de schrijver, een schepeling van DE WASSENAAR, zo goed omtrent de uitrusting van DE WATERLOO onderricht, dat hij dit punt zo stellig kan verzekeren? Wij weten niet de of de schrijver een zeeman is, anders zouden wij antwoorden, dat over dergelijke zaken alleen een deskundige oordelen kan, doch al ware hij een zeeman, menen wij, dat tot beslissing van een zaak van zo grote aangelegenheid, een nauwkeurige kennis op het schip zelf verkregen, vereist wordt.
Het besluit van dit alles is, dat het ons voorkomt dat er vele zeer gewaagde stellingen in de gezegde brief voorkomen, die, zo zij door de schrijver verantwoord en bewezen kunnen worden, van het hoogste belang voor het gouvernement zijn; doch dat de schrijver, indien hij dezelve niet kan verantwoorden en bewijzen, niet wel gedaan heeft met noodlottige ongelukken aan plichtverzuim toe te schrijven. Zulk een handelwijs verwekt wantrouwen in het vaderland en veroorzaakt minachting bij vreemden.
Ten slotte moeten wij hier nog bijvoegen, dat in de Arnhemsche Courant van zaterdag de 27e, een brief van de heer Spengler, gecommandeerd hebbende DE WASSENAAR, voorkomt, waarin dezelve aan de redactie dier courant schrijft, dat hij zich in de onaangename verplichting vindt, van te moeten bekend maken, dat al hetgeen, wat in de brief van S.O. opgegeven is, niet in alle opzichten met de waarheid strookt. De redactie nodigt, dien ten gevolge, de gezegde kapitein uit, nader te melden, in welk opzicht het gegeven bericht onnauwkeurig is, daar het voor het publiek van veel belang is, volkomen de waarheid in deze zaak te kennen.
Graag stemmen we dit laatste toe en wij wensen ook, dat het publiek eenmaal volkomen inlichting omtrent het gebeurde met het schip DE WASSENAAR moge verkrijgen, doch wij menen tevens te moeten opmerken, dat kapt. Spengler niet kan noch mag voldoen aan de uitnodiging der redactie van de Arnhemsche Courant, aangezien elke bevelhebber van een schip, die het ongeluk gehad heeft zijnen bodem, door storm of een andere wijs, te verliezen, verplicht is, zich voor een krijgsraad te verantwoorden. Dit zal ook het lot zijn van de heer Spengler en zo hij dus aan de uitnodiging der redactie voldeed, zou hij zijn verantwoording
vooruitlopen en zich voor het publiek zoeken te zuiveren, alvorens hij zich voor zijn rechters
gerechtvaardigd heeft. (opm: vervolg op het bericht van deze plaats en datum uit de MCO 010227)


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. In naam des Konings. Verkoping bij executie ter rolle van de Rechtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Dordrecht, van een paviljoen sprietschip, genaamd de VROUW JOHANNA, lang over steven achttien ellen, wijd drie ellen zes palmen zes duimen, hol een el vijf palmen zes duimen, liggende in de Wollewevershaven te Dordrecht. Deze verkoop geschiedt ter requisitie van Jan Danielse Touw, beurtschipper, wonende te Bergen op Zoom, voor wien domicilie is gekozen bij de ondergetekende procureur, uit krachte van de grosse in executoriale vorm uitgegeven van een obligatoire acte, den 31 maart 1820 voor de notaris J. Augustijn en Getuigen, te Bergen op Zoom, door Anthonie Schaap, wonende te Dordrecht, schipper en eigenaar van bovengemeld schip, ten behoeve van den execurant gepasseerd, groot in kapitaal per resto een somma van een duizend guldens, en ten gevolge van een vonnis door de bovengemelde rechtbank den elfden december 1826 bij default gewezen.
De executant heeft bij een ter griffie van de Rechtbank gedeponeerde Memorie van Lasten, het schip ingesteld op een somma van honderd guldens, behalven de kosten. Ingevolge ordonnantie van de WelEdel Gestrenge Heer Rechter Commissaris, ten wiens overstaan de verkoop geschiedt, zal de eerste opbieding plaats hebben in de Audientie-Zaal van meergemelde Rechtbank, op maandag den vijfde februari 1827, om twaalf ure op den middag.
F. van Kooten, procureur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Haarlem, 24 januari. Z.K.H. Prins Frederik der Nederlanden is gister alhier aangekomen. Dadelijk heeft Z.K.H. zich naar de grote kazerne begeven, in welke zich de troepen bevonden, welke van de WASSENAAR aan wal gekomen en de 20e op 17 wagens van Alkmaar herwaarts gebracht en op nieuw van kledingstukken voorzien zijn. Van de troepen, welke tijdens het stranden van de WASSENAAR aan boord geweest zijn, worden thans slechts 15 man vermist. Z.K.H. is des avonds naar ’s-Gravenhage teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 29 januari. De kapitein der infanterie Van Imbijze van Batenburg, van Zijner Majesteits linieschip de WATERLOO komende, is in de nacht van de 25 op de 26 hier gepasseerd, met depeches voor het Gouvernement. Gezegde kapitein had het linieschip de 24e verlaten, aan boord zijnde gegaan van de loods Stachouwer op het ogenblik dat kapitein Van Dalen de ankers had doen lichten om met zijn gemaakt noodtuig naar Helgoland te zeilen, van waar hij hoopte Cuxhaven te zullen bereiken. Het schip was dicht, alles was aan boord wel, het roer in goede staat en de bezaansmast behouden, zo dat men, doordien de gelegenheid gunstig was, zonder vrees voor nieuwe rampen te Helgoland zoude kunnen komen. Deze ommekeer van zaken schijnt des te gelukkiger naar mate het dus verre, uit hoofde van de ijsgang, onmogelijk is geweest, Delfzijl of de Zoutkamp ter hulpe uit te zeilen. De uit eerstgemelde haven gezeilde schepen van Wolkammer en Drenth zijn gelukkig behouden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Ene zo goed als nieuwe Praam, met zeil en treil, in den jare 1825 nieuw uitgehaald; te bevragen bij den eigenaar Huite Roels Hoekstra, te Akkrum.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 27 januari. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen, en heden van onze rede naar zee gezeild: L’ESPERANCE, kapt. A. van Geyt, en MARIA CAROLINA, kapt. J. Moller, beide naar Londen, met boomschors; THE NIMROD, kapt. W. Allen, naar Charlestown, en NEPTUNES, kapt. J. Petyt, naar Rio de Janeiro, beide met ballast.
Eergisteren is alhier ter rede gekomen DE NEDERLANDER, kapt. E. Mazens, van Rio de Janeiro, met koffie en huiden; dit schip zal met de winter alhier in de haven komen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Groningen, 22 januari. Ook van hier kunnen wij melden, dat Zr.Ms. schip van oorlog WATERLOO, door de zwaren storm van den 14 dezer belopen, masteloos en in een ontredderden staat, 3 mijlen ten NW van het eiland Borkum (welk eiland 5 mijlen van
Delfzijl verwijderd ligt), geankerd is, hebbende 13 vademen water onder de kiel.
Op den 18 vond kapitein Van Dalen, commanderende het voorschreven schip, de gelegenheid, om, met een visschuit, schriftelijke tijding, wegens zijn toestand, aan de burgemeester van Delfzijl te doen overbrengen, verzoekende hij daarbij, dat alle mogelijke vaartuigen van Ameland, Schiermonnikoog, Vlieland en Terschelling naar hem zouden toesnellen, om het schip te slepen, goederen en manschappen te bergen, en dat voorts dadelijk tijding naar Texel van het gebeurde zou gezonden worden, om ook van daar schepen ter zijner hulp toe te zenden. Zonder verwijl werden door de burgemeester van Delfzijl de nodige maatregelen genomen tot het in gereedheid brengen en het afzenden van schepen, terwijl door zijn ed. achtb. van het voorgevallene tijding aan de heer gouverneur gegeven werd. Zijne Exc. gaf, van zijn zijde, de nodige bevelen te Zoltkamp en elders, om alles, wat dienen kon, te doen uitlopen, en nodigde tevens de luitenant der eerste klasse, Stavorinus, onder-inspecteur van het loodswezen te Groningen, uit, zich naar Delfzijl te begeven. De heer gouverneur begaf zich met de provinciale commandant in persoon insgelijks derwaarts, om op de plaats zelve de nodige maatregelen te nemen.
Intussen is de eensklaps ingevallen en vermeerderde vorst zeer hinderlijk aan het uitvoeren van de genomen maatregelen. Vele welgezinde schippers werden belet hun ijver te doen blijken; doch desniettegenstaande, was het, op den 22, aan zeven schepen gelukt, Delfzijl uit te lopen, en zich naar de WATERLOO te begeven. Tot geruststelling mag strekken, dat, naar de verzekering van deskundigen, het linie-schip op geen gevaarlijke plaats was liggende.
Uit Vriesland zijn ook alle vissers en vaartuigen, zo van de kusten als eilanden, naar de WATERLOO gezonden, om bijstand aan gezegd schip te bieden.


01 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 januari. In het Algemeen Nieuws- en Advertentieblad vindt men het volgend zeer omstandig verhaal van een van de schipbreukelingen van het oorlogschip DE WASSENAAR.
Den 12 januari 1827, in de achtermiddag, verlieten wij de rede van Texel met een gunstige wind; doch buiten komende, kregen wij dadelijk stilte, het geen ons noodzaakte te moeten ankeren tot in het laatst van de eerste wacht (opm: 20.00-24.00 u), als wanneer wij wederom met een flauw noordelijk koeltje onder zeil gingen en bij de wind om de west stuurden. In de dagwacht (opm: 04.00-08.00 u) van den 13 begon de wind westelijk te wenden, toen om de NW. De koelte hand over hand toenemende en het tuig niet vertrouwende, uit hoofde het gedurig rekte, werden de bramraas afgenomen, bramstengen gestreken en wij maakten zoveel mogelijk kleinzeil in de platvoet (16.00-20.00 u) en gedurende de eerste wacht waren wij nog bezig, om het lij-onderwant aan te zetten (terwijl het stengewant den 12 in de voormiddag nog was aangezet); doch in de hondenwacht (00.00-04.00 u) van den 14 sprong het ijzer beslag van het achterste hoofdtouw van bakboords grootwant. Wij brachten onmiddellijk de zijgeins (opm: of zijlijn, takels om de mast in zijwaartse richting te steunen) achteruit, hetgeen spoedig ten uitvoer was gebracht, aangezien alle officieren en manschappen op het dek waren; dan de zee merkelijk aanschietende en het schip zwaar werkende (grotendeels veroorzaakt doordien wij geen zeil konden voeren, naar evenredigheid van de koelte), sprong het tweede beslag op de rand van de rust. Intussen waren reeds de bovenpompen aan de gang, terwijl het schip 32 oude duimen (opm: plm. 80 cm water) in de wacht maakte. Wij geiden onmiddellijk het groot marszeil, intussen braken het derde, vierde en vijfde beslag. Dadelijk lieten wij bijlen naar boven brengen, om de grote steng overboord te kappen. Het breken van het zesde en zevende beslag volgde spoedig; toen praaiden wij het volk om af te komen, vermits de mast niet meer te behouden was, dan dit was helaas vruchteloos, doordien hij bij het breken van het achtste beslag met een paar zware slingers aan lij overboord viel, nemende de kruissteng en voormarsra mede. Het schip geen steun meer hebbende dan van de gereefde fok en kleine bezaan, slingerde zwaar, waardoor de voorsteng te loefwaard overboord viel, en dadelijk door de fokkenmast aan lij gevolgd werd, welke de boegspriet mede nam. En hierop sloeg ook de bezaanmast overboord; de stuurrepen en noodtalies braken; het roer sloeg vreselijk; de watervaten raakten gedurig op het dek, door het geweldig slingeren, los, welke wij stuk sloegen om ongelukken voor te komen. Wij kapten het daags anker overboord en staken tot een touw, om de vleet gemakkelijk te kunnen kappen, als zwaaiende het schip toen op de wind. Met het ontdoen van de vleet, scheurde het tui anker uit deszelfs sjorrings en in deszelfs val brak de stok op de boegspriet; het touw liep tot op een half touw (opm: op halve lengte) uit, waarop het beting lag, staken nog tot op 1½ touw van het daagse, voorzagen de touwen toen met kleding. Wij waren intussen bezig met alle pompen te pompen, dewijl het water sterk toenam en hielden het op 14 duim, werden het roer meester en bezorgden de roerpen met verschillende talies. Om half 8 ure waren wij de gehele vleet kwijt (opm: al het tuig was verdwenen), ontdekten dat de koperen pompen minder water gaven; bij dit ongeluk kwam nog, dat het water van het kuildek zich niet loosde, doordien de spuigaten te klein waren. De bakboords koperen pomp hield geheel op water te geven; wij bemerkten deszelfs invloed door het rijzen van het water bij de pomp, deden alle mogelijke moeite om naar de oorzaak daarvan te zoeken en vonden de zuigers en emmers in orde, maakten dezelve schoon, beproefden opnieuw, maar vruchteloos.
Den 15e bevonden wij ons 53˚18´ N breedte en dienvolgens, op een gegiste lengte, hadden wij het midden van Texel ZO 8 mijlen van ons. De beide touwen braken in de voormiddag met het afgrijselijk stampen en het schip viel gelukkig over bakboord, om de ZW. Brachten aan de romp van de grote mast het groot bramzeil op, om zo mogelijk het schip nog enigszins te steunen, staken het plechttouw over de bak in het anker, doordien de kluisgaten niet konden opengemaakt worden, terwijl de zee er geweldig in spoelde; het water rees gaandeweg bij de pompen; doordien de stuurboords koperen pomp ook geheel onklaar raakte, schepten wij met alles wat wij hadden het water, als er bij te komen was (hadden voor een bramsteng opgezet, waaraan wij een kluiver hesen); de brandspuit was mede aan de gang. Wij stuurden ZW om vrij van de Haaks te komen, toen Z en daarna ZO, om de wal te naderen, aangezien het water sterk toenam en geen uitzicht op redding meer overbleef. Tot overmaat van ramp wilde het schip niet meer naar deszelfs roer luisteren, om dat er reeds 10 voet water in was. Wij zagen de vuren van Egmond aan stuurboord; loodden van 16 tot 17 vadem; deden verscheidene noodschoten. Om 4 ure in de hondenwacht van den 16 stootte het schip en werkte met de branding recht voor de wind op het strand. In de voormiddag zagen wij de reddingboot, doch dezelve kon niet door de branding komen. Wij maakten een klein vlot van twee trappen en sparren, waarmede de luitenant Muntz met twee matrozen een lijn aan de wal zouden zien te krijgen, om van de lijn, waarvan het een einde met vaten was aan de wal gedreven, door volk op het strand vast te maken; de vaten waren weg gestolen. Deze proef was, helaas! ook vruchteloos, en de brave luitenant en een matroos verloren hierbij het leven. – De grote sloep waarin wij klein ledig vaatwerk in hadden gesjord en met de luitenant Cramer en vier matrozen hadden afgezonden, was mede ongelukkig, alzo de vier man en waarschijnlijk ook de actieve luitenant Cramer door de branding werden uitgeslagen.
Door middel van een talie op de stomp van de grote mast gebracht en planken bij wijze van helling, kregen wij de barkas te water, zonden dezelve met de luitenant van de 1ste klasse S., 14 man, 1 landofficier en 15 soldaten af, dan, ongelukkig liet de schipper, die de barkas vast hield bij het ophalen van een andere tros, slippen. Nu begonnen wij een vlot te maken, daar wij zagen er, helaas! geen aanstalten gemaakt werd, om ons met Egmonder bommen te redden; zonder voedsel, koud en nat, moesten wij een lange nacht doorworstelen. In de nanacht het schip brekende, doordien de wind noordelijker was en de zee nu dwars insloeg, was ons niet dan de onvermijdelijke dood voor ogen, welke verre de meeste, met onderwerping aan Gods ondoorgrondelijke wil, met gelatenheid tegemoet zagen. In de voor- en achtermiddag van den 17 werden wij echter door bommen en Texelse schuiten gered. De menigvuldige ongelukken te beschrijven, waardoor velen een prooi des doods werden, is ondoenlijk. De kapitein van de troepen Boas, 1 matroos en 1 soldaat lagen met gebroken benen. De schiemansmaat Wemeijer, die het gelukte de boeg- en waterstagen van de boegspriet te kappen, werd, uitgeput van krachten, met meer anderen het slachtoffer. Enigen, door drank bevangen, verdronken in het wrak, terwijl anderen de laatste nacht door gebrek aan voedsel, koud en nat, de geest gaven, en enigen om maar in de vaartuigen te komen, zich in het water lieten vallen en verdronken.
Bij het verliezen van het tuig is niemand omgekomen; bij het vallen van de grote mast was de bootsmansmaat Koster weer spoedig op het dek, terwijl ook de twee matrozen, die met hem in de mars geweest waren, gered zijn. Ook is er met het stoten van het schip niemand op de Koebrug verdronken, dan alleen dezulken, welke hun troost in sterke drank hadden gezocht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 januari. De kof DE VROUW THEODORA, kapt. H. Bandix, van Antwerpen naar Amsterdam, is, na veertien dagen reis, den 24 dezer, wegens tegenwind, storm en ijsgang, te Zierikzee binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 januari. De schepen DE HERSTELLING, kapt. H.J. Buining, van Londen naar Ostende, CATARINA MARIA, kapt. S.B. Bakker, DE TWEE GEBROEDERS, kapt. H. Spanjersberg, van Londen, en JOSEPH, kapt. T. Jantard, van Antwerpen, alle drie naar Bordeaux, te Ramsgate binnen, hebben derzelver reis vervolgd, de drie eerste den 17 en het laatste den 19 dezer.


 MCO - Middelburgsche Courant

’s Gravenhage, 28 januari. Zr.Ms. pakketbrik DE ZWALUW, luitenant der eerste klasse F.H. Ambt, is gisteren te Helvoet gearriveerd.
Volgens berichten, was Zr.Ms. linieschip DE ZEEUW, kapt. Lucas, den 18 dezer, op de hoogte van het eiland Wight in goede staat en voordelige wind zijn koers voortzettende; hebbende de loods van boord gezet.


 MCO - Middelburgsche Courant

’s Gravenhage, 28 januari. Heden morgen zijn door de heer kapitein Imbijze van Batenburgh, die den 24 dezer Zr.Ms. linieschip WATERLOO verlaten heeft, berichten van die bodem mee gebracht; uit dezelve blijkt, dat gemeld schip op die dag als nog omtrent vier mijlen ten NW van het eiland Borkum op 12½ vadem water ten anker was liggende, en wat de romp van het schip aanbelangt, in een goede staat en volkomen dicht was, terwijl men zoveel mogelijk een noodtuig had opgezet. Bij het vertrek van voormelde kapitein van boord, was men bezig het anker te lichten, en heeft hij daarna het schip onder zeil gezien, koersstellende naar Helgoland, ten einde aldaar een veilige rede te zoeken, dewelke men, uit hoofde van den zuidwestelijke wind, welke op die dag en de volgende gewaaid heeft, vertrouwt, dat hetzelve zal hebben kunnen bereiken. De bereids genomen maatregelen, om aan voornoemd schip alle mogelijke hulp en adsistentie toe te brengen, zijn dadelijk, volgens deze berichten, gewijzigd en met nieuwe kracht doorgezet geworden.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Vlissingen, 30 januari, De 28e dezer en heden zijn alhier ter rede en vervolgens in de haven binnengekomen:
DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Hubrock, van Liverpool, en THE FRIENDS, kapt. M. Jones, van Rio de Janeiro, beide naar Antwerpen bestemd, met stukgoederen.
- Veere, 27 januari. Gisteren is door contrarie-wind als bijlegger alhier ter rede gearriveerd, de Engelse brik JESSIE EASSON, kapt. D. Banks, van Dundee komende, met ballast.


02 februari 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 29 januari. Heden heeft men hier bericht, dat Zr.Ms. schip de WATERLOO te Cuxhaven is binnen gelopen. Alles was zeer wel aan boord, er werd geen man vermist, en de manschap en troepen hadden aan niets gebrek geleden.
Uit een particulieren brief de 20e januari aan boord van de WATERLOO, toen ten anker voor het eiland Borkum liggende, kan men de volgende bijzonderheden mededelen omtrent hetgeen met dit schip gebeurd is. De 14e stak de wind geweldig op en het want, dat geheel nieuw was, rekte aan alle kanten zo zeer, dat de grote mast kraakte en men genoodzaakt was de grote steng te kappen, en des avonds reeds niet meer dan de grote en bezaansmast staande had, terwijl de boegspriet, raas, zeilen, want, alles over boord gewaaid of gekapt was. De 15e verloor het schip ook de groten mast en twee sloepen; 2 ankers lagen mede over boord en het roer wrong en sloeg zo geweldig, dat men vreesde, het te zullen verliezen, hetgeen gelukkig niet geschiedde. Nu dreef het schip op genade van wind en zee tot nabij Borkum, waar de wind zo schraal werd, dat men het met de noodtuigen niet meer van de lagerwal kon houden en dus genoodzaakt werd het anker uit te werpen, hetwelk gelukkig hield, en waardoor het schip voor stranden bewaard gebleven is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens berichten, was Zr.Ms. linieschip DE ZEEUW, kapitein Lucas, de 18e dezer op de hoogte van het eiland Wight, in goeden staat en voordeligen wind zijn koers voortzettende, hebbende de loods van boord gezet.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Posthuma, te Dokkum, zal op maandag de 12 februari e.k., des namiddag ten 3 uren, ten huize van den kastelein G. de Beer aldaar, publiek bij strijkgeld verkopen een Schuitescheepje, de JONGE TAEKE genaamd, groot 4½ lasten, met zeil en treil en verdere toebehoren; liggende in het Groot Diep te Dokkum, door Egbert de Waard als eigenaar wordende bevaren, direct te aanvaarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. F. Witteveen, notaris te Metslawier, zal op maandag den 12 februari 1827, des middags ten 12 uren, ten huize van de weduwe E. Babois, op Ezumazijl onder Anjum, bij boelgoed en gereed geld verkopen een beste lading Klipzout, liggende op Ezumazijl onder Anjum, en aldaar uit zee aangebracht met het tjalkschip de ONRUST.
Ter bezichtiging der lading zal op den dag der verkoop aan de gegadigden gelegenheid worden gegeven.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een smidsknecht, die het scheepswerk geheel of ten dele verstaat, kan van stonden aan werk bekomen, bij P.C. Sjollema, Mr. Grofsmid te Grouw. Brieven franco.


03 februari 1827


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 2 februari. Er zijn berichten dat Zr.Ms. schip WATERLOO te Cuxhaven is binnengelopen. Alles was zeer wel aan boord.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Zr.Ms. korvet PALLAS, kapt. H. van der Velde, is den 23 november van Porto Cabello te Curaçao teruggekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Van Helvoetsluis wordt van den 2 gemeld, dat het schip DE EERSTELING, kapt. H.F. Klie, binnen de Goerese haven, voor het ijs, tegen de zuidwal gehaald is; de stroom drijft vol ijs.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het tjalkschip DE EENDRAGT, kapt. O.E. Hansen, met molenstenen, van Hull naar Amsterdam, is den 24 januari, des avonds ten 10 ure, door twee visserssloepen in de haven van Ostende binnengesleept; hetzelve is geheel masteloos, doch dicht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het schip DE ONDERNEMING, kapt. G.B. Flik, van Amsterdam naar Lissabon, den 5 januari uit Texel gezeild, was, volgens brief van de kapitein, in dato 17 januari, na allervreselijkste stormen te hebben uitgestaan, als toen in goede staat zeilende bij Douvres (opm: Dover).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het schip MARIA ELIZABETH (opm: kof MARIA ELISABETH), kapt. M. Martens, van Marseille naar Antwerpen, was, volgens brief van Pembrey (opm: positie 51 41 N 04 16 W) van den 23 januari, gelicht en circa 700 yards nader aan de haven gebracht; door laag tij was er 1 el 7 palmen water om het schip, hetwelk men hoopte bij bedaard weer in de haven binnen te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Het schip CATARINA, kapt. K.H. Schippers, van Malaga naar Antwerpen, is den 7 januari te Lissabon binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 februari. Volgens brief van kapt. J.E. Schneebeeke, voerende het fregatschip HENRIETTE, in dato Curaçao den 21 november, zou hij de volgende dag de reis van daar naar Suriname aannemen.


06 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 februari. De FLORA is in het Kanaal binnen. Zij heeft den 30. september Batavia verlaten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 februari. Kapt. H.E. Sloehuis, van Londen in Texel binnen, heeft te Harwich, van waar hij den 30. januari vertrokken is, gepraaid het Nederlandse schip ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, met troepen van Rotterdam naar Batavia, dat de 29e dito wegens verlies van ankers en touwen en met gebroken roer aldaar in de haven gebracht is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 3 februari. Heden ochtend heeft de heer Gouverneur dezer provincie met een estafette door Zijner Majesteits chargé d’affaires (opm: zaakgelastigde) bij de Hanzesteden, de 31e januari j.l. des avonds uit Hamburg afgezonden, de tijding ontvangen, dat ’s Konings linieschip WATERLOO de 25e daar te voren ten anker was gekomen bij het zoogenaamde Zandeiland (opm: Sand Insel), op de afstand van 1½ mijl (opm: ten Oosten) van Helgoland; dat gezegd schip naar de omstandigheden goed voor anker ligt, en van Helgoland alle mogelijke adsistentie ontvangt; zijnde 5 visserspinken daartoe in een aanhoudende dienst.


  LC - Leeuwarder Courant

’s Gravenhage, 1 februari. Volgens berichten, zo bij het ministerie van marine als bij de heer burgermeester dezer stad ontvangen, is ondanks de niet gegronde aarzeling der Texelse loodsen en het gevaarvolle der onderneming, de heer Varkevisser de 29 januari, des middags ten 12 uren, uit het Nieuwe Diep moediglijk weder naar zee gezeild, om de WATERLOO op te zoeken. Zes visser pinken der expeditie en twee Texelse loodsschuiten zijn binnen door gegaan, terwijl de Zierikzeese sloep de VREDE, schipper Maarten van den Abeele, die insgelijks de expeditie vergezelt, buiten om door het Muidergat gestevend is. Op elk der drie laatste vaartuigen bevindt zich een luitenant ter zee van het wachtschip, en over het algemeen schijnt het voortzetten der poging veroorzaakt of bevorderd te zijn door bevelen van het ministerie en brieven aan den heer Varkevisser, die per expresse naar Den Helder gezonden waren.


 MCO - Middelburgsche Courant

Haarlem, 31 januari. De compagniën vrijwilligers, welke aan boord van de WASSENAAR zijn geweest, en alhier zijn herenigd, zijn dezer dagen weder van wapenrustingen voorzien geworden. Men verneemt, dat van de equipage van die bodem, welke 255 koppen bedroeg, voor en bij het stranden, slechts 7 man zijn omgekomen, en dat dus het aantal der slachtoffers van dit onheil ten hoogste op 23 kan worden begroot.


 MCO - Middelburgsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Er zijn hier tijdingen van Curaçao van de 4e december, volgens welke er het bericht, dat het Z.M. behaagd heeft die haven met 1827 tot een vrijhaven te verklaren, met veel genoegen is ontvangen, terwijl men zich van die maatregel de beste uitslag belooft. Met de versterking van het eiland is reeds een begin gemaakt; drie waterbatterijen zijn gedemonteerd en worden gesloopt om nieuwe kustbatterijen aan te leggen. De oude vestingwerken waren in een zeer slechte staat.
Zr.Ms. corvet PALLAS, kapt. H. van der Velde, is de 23e november van Porto Cabello te Curaçao teruggekomen. Volgens de berichten, bij die gelegenheid ontvangen, was het in Colombia nog ver van rustig.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen.
Amsterdam, 30 januari. Te Portsmouth is binnengelopen Zr.Ms. schip de ZEEMEEUW, kapt.-luit. Volmer, van Helvoet naar Port Mahon.
Vlissingen, 3 februari. Gisteren en heden zijn alhier ter rede en vervolgens wegens de aanhoudende vorst in onze haven binnengekomen: La BELLE ALLIANCE, kapt. O. A. Wilman, van Londen naar Antwerpen bestemd, met stukgoederen; De SNELHEID, kapt. A. van der Linden, van Smirna, met huiden en koffij, en de JONGE ADRIANA , kapt. G. J. Meeuw, van Batavia , met koffij, beide naar Rotterdam gedestineerd.


08 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. De schepen AMALIA ELIZABETH, kapt. C. de Wit, van Amsterdam naar de kust van Guinea, en PARAMARIBO, kapt. W. Turnbull, van Rotterdam naar Suriname, zijn den 28 januari te Dartmouth binnengelopen; het eerste lek.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip FLORA, kapt. D. Rooderkerk, van Rotterdam naar Liverpool, was den 24 januari op de hoogte van Lézard (opm: The Lizard).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip FLORA, kapt. Lemming, den 1 oktober van Batavia naar Antwerpen vertrokken, is den 29 januari te Cowes binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip PADANG, kapt. E. Rogers, van Padang, Mauritius en St. Helena naar Antwerpen, is den 23 januari te Crookhaven (opm: 51 28 N 09 43 W) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 februari. Het schip INDUSTRIE, kapt. D.J. Bulsing, van Batavia naar Rotterdam, is den 27 november te St. Helena binnengelopen, doch heeft den 4 december de reis voortgezet.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Schipper J.L. Vos, voerende het schip DE VROUW GEZINA, is alhier in het Nieuwe Diep gearriveerd van Mandal, in Noorwegen, met een lading balken en presenteert deszelfs lading in koop aan. Iemand hiertoe genegen zijnde, adresseren zich aan bovengenoemde schipper of aan de heren A. Korff en Zonen, aan Den Helder, waar de informatie wegens de hoeveelheid, dikte, lengte en prijs te bekomen zijn.


 MCO - Middelburgsche Courant

Ostende, 1 februari. Kapt. Sleehuijs, heden binnengekomen, rapporteert, dat hij den 30 januari uit Harwich is gezeild, en aldaar gepraaid heeft het Nederlandse schip ROTTERDAMSCH WELVAREN, kapt. Schaap, met troepen, van Rotterdam naar Batavia, zijnde den 29 januari na verlies van ankers en touwen, benevens gebroken roer, in die haven is gebracht.


 MCO - Middelburgsche Courant

Advertentie. Op dinsdag den 13 februari 1827, des middags om zes uren, zullen
Burgemeester en Wethouders der Stad Vlissingen publiek en aan de meestbiedenden presenteren te verhuren de scheepstimmerwerf bezuiden de Engelsche Kaai, binnen gemelde Stad Vlissingen, in huur gebruikt bij John Lowes, en welke huur een einde neemt op den 8 februari 1827.


 MCO - Middelburgsche Courant

Brussel, 2 februari. Z.M. de Koning heeft een commissie benoemd, bestaande uit de vice-admiraal graaf van Bijland Halt en de schouts-bij-nacht Buyskes en Ruysch, ten einde een administratief onderzoek te doen omtrent alles wat aanleiding zou hebben kunnen geven
tot de ramp, welke Zr.Ms. schepen WASSENAAR en WATERLOO, in de stormen van den 14 en 15 januari ll. hebben getroffen, voor zover zulks de bouw en de uitrusting betreft.
Kapitein Spengler, die over het eerste dezer schepen het bevel heeft gevoerd, heeft verzocht, dat het door hem bij die gelegenheid gehouden gedrag rechterlijk zoude worden onderzocht, waarmede Z.M. diensvolgens het hoge militair gerechtshof heeft belast.


09 februari 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Iemand het scheepstimmeren grondig verstaande, en als meesterknecht, tegen de 5e maart 1827 vast werk begerende, benevens enige scheepstimmer knechten, adresseren zich bij J.H. Limborgh, scheepstimmerbaas buiten de Krane Poort te Groningen.


10 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Van Ostende wordt gemeld, dat de kanonschoten, die men aldaar bij mistig weer gehoord had, bevonden waren afkomstig te zijn van de schepen JOHANNA ELISABETH, kapt. M. Mesdagh, en AMAZONE, kapt. E. van der Zweep, van Lima, beide naar Antwerpen, met oogmerk om loodsen te bekomen, van welke zij vervolgens voorzien waren geworden en daarop derzelver reizen vervolgd hadden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Kapitein J.C. Praater, voerende het schip DE WAAKZAAMHEID, van Livorno naar Antwerpen, meldt van Kadix van den 16 januari, dat hij, zijn reis tot den 3 januari voortgezet hebbende, die avond op 39 graden 18 min. breedte en 10 graden 6 min. lengte west van Greenwich door zware storm belopen werd, verzeld van hoge zee, hagel, buien en onweer en de volgende ochtend een geweldige stortzee overkreeg, waardoor alles van het dek geslagen werd, de beide zware touwen overboord geraakten, zodat hij het beste van dezelve moest kappen, het schip geheel ontzet en ontramponeerd werd, meer andere schade bekwam en veel water in kreeg, terwijl de pompen door zwavel en jeneverbessen verstopt geraakten; hierop te vergeefs getracht hebbende Lissabon te bereiken, had hij naar Kadix moeten afhouden, alwaar hij de avond van den 13 was aangekomen en vier dagen quarantaine moest houden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Te Port-Mahon is aangekomen Zr.Ms. oorlogsfregat KENAU HASSELAAR, kapt. M. van der Loeff, van Hellevoetsluis.


 MCO - Middelburgsche Courant

Brielle, 4 februari. Den 2, des namiddags, zeilden van hier, met behulp van ijs-sloepen, drie vishoekers en een vissloep, en heden nog twee andere vishoekers, alle bestemd om Zr.Ms. schip van oorlog WATERLOO op te zoeken.

MCO 100227
Rotterdam, 5 februari. De FLORA is in het Kanaal binnen en heeft den 30 september Batavia verlaten. Daarmede zijn berichten, dat het in het Solose volmaakt rustig is en de oude sultan te Djocja in zijn gezag is hersteld en twee duizend man goede troepen onder zijn bevelen heeft.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen - Veere, 8 februari. Gisteren is alhier ter rede gearriveerd de Deense schoener EMILIE, kapt, P.P. Eschels, van Sevilla naar Rotterdam bestemd, met fruit; welke, uit hoofde van de harde vorst, op heden alhier is in de haven gehaald.


13 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 februari. Het schip DE VROUW GELIDA, kapt. M. Louwerens, van Bremen naar Amsterdam, is in Friesland ingevroren, zijnde met de lading in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 februari. Aangaande het lijk op Vlieland aangedreven, op welks draagband stond Cornelis Luks, heeft men nadere berichten ingewonnen, waaruit blijkt, dat een persoon, van die naam, den 18 november van Brielle is vertrokken met het schip (opm: smak) de JONGE HENDRIK, kapt. J.H. Groot, met haver en bonen, van Rotterdam naar Sunderland. Het is dus genoegzaam zeker, dat dit schip, hetwelk den 21 november te Ramsgate lek binnengelopen is en den 29 december bezig was de lading weer in te nemen, zonder dat men tot hiertoe van deszelfs aankomst te Sunderland tijding heeft bekomen, de smak met haver en bonen zal zijn geweest, welke, volgens bericht van den 16 januari, tussen Eierland en Vlieland totaal verongelukt is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 februari. Aangaande het schip MARIA ELIZABETH (opm: kof MARIA ELISABETH), kapt. M. Martens, van Marseille naar Antwerpen, meldt men van Pembrey (opm: positie 51º41’ N 04º16’ W) den 27 januari, dat hetzelve, tot op 100 yards beoosten de mond van de haven genaderd zijnde, uit hoofde van de sterke stroom en gewone zware branding, niet had kunnen worden binnengebracht, weshalve men nodig geoordeeld had de lading te lossen.
(opm: zie RC 130127 en 030227; het schip ging toch verloren, zoals blijkt uit de vermelding van de op 18 april terug ontvangen zeebrief ‘schip verongelukt [bij Swansea in Wales]’)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 februari. Ten aanzien van het schip AMALIA ELIZABETH, kapt. C. de Witt, van Amsterdam naar de kust van Guinea, volgens bericht van den 6 dezer, te Dartmouth lek binnengelopen, wordt van Dartmouth van den 31 januari gemeld, dat hetzelve, tengevolge van de gedane inspectie, moet lossen om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 8 februari. De tijdingen, welke er bij aanhoudenheid van het Nieuwe Diep inkomen, blijven de onmogelijkheid vermelden van het naderen van Zr.Ms. schip de WATERLOO, met de daartoe bestemde pinken. Het is te bejammeren, dat de scheepsgelegenheid de heer kapitein Van Daalen, bevelhebber van die bodem, heeft moeten doen besluiten, juist noordelijk op te stevenen, toen de Scheveninger vaartuigen toesnelden, om hem van Borkum, een vaarwater, meer dan dat van Helgoland, voor derzelver grootte en sterkte berekend, af te halen. Dan, wat er ook nog van den uitslag dier pogingen worden moge, de edelmoedigheid en de gepastheid van deze onderneming, op het ogenblik, dat de Scheveningers zich naar een zee begaven, welke voor anderen door het ijs gesloten was, zullen door een ieder wel op prijs gesteld worden.
Voor het overige meldt de heer Varkevisser, de voornaamste aanvoerder der Scheveningse schepen en ijverige mensenvriend, in een brief, de 6e februari in het Nieuwe Diep geschreven, dat hij op Borkum het bericht had ingewonnen, dat vier manschappen, geboren op Helgoland, en met de gelegenheid van dat eiland en van de rivier de Elve bekend, zich aan boord van de WATERLOO bevonden, en dat het noodtuig van dat schip zoodanig was ingericht, dat het op zich zelve goed bestuurbaar was. Verder, dat hij drie man van de WATERLOO, welke op een brik overgegaan waren, gesproken heeft, die hem hadden verzekerd, dat er geen gebrek aan boord was; dat de masten over boord waren geslagen door het rekken van het want, en niet door het breken van het ijzerwerk, en dat slechts een man daarbij was omgekomen.
Daar deze tijdingen het vooruitzicht opleveren, dat de WATERLOO te Helgoland een langer verblijf zal moeten houden, dan men gehoopt had, wordt het voor de Nederlandse lezer ook belangrijker, iets van dit eiland te weten. Een onzer binnenlandse bladen zeide voor enige dagen, toen reeds onderstellende, dat het schip er zou overwinteren, wegens de gesteldheid der plaats het volgende:
Helgoland is een eiland aan de kust van Holstein, sedert 1814 aan de Engelsen afgestaan. Het bestaat eigenlijk uit twee eilanden, het rotseiland en de Düne, of het lage land. Aan het rotseiland bevinden zich twee door de natuur gevormde havens, de Noorder- en de Zuiderhaven genaamd.
In de Aardrijkskunde voor Zeevaart en Koophandel, van de heer Tuceij, wordt het eiland aldus beschreven: Heiligeland, of Helgeland, ligt na genoeg even ver, of 12 uren, van de monden der Eider, Elve en Weser. Weleer vrij groot geweest zijnde, is het door de werking der golven zo verkleind, dat er nog slechts een grote klip overblijft, welke een mijl in de omtrek is, en midden op zich een ronde hoogte heeft, welke men langs 150 trappen beklimt. De weinige grond, die het bezit, bestaat uit zand en klei, de oevers rijzen rechtstandig uit zee op, en het eiland is van riffen en banken omringd, dat de overblijfselen van deszelfs weggespoelde grond zijn. De inwoners stammen van de oude Vriezen af, wier taal en manieren zij behouden. Zij zijn 2000 in getal, vissers of loodsen. Zij smokkelen vele Engelse goederen in de havens van het vaste land binnen. Vooral deden zij zulks tijdens het continentale stelsel, toen de Engelsen grote magazijnen op het eiland hadden, waarvan er intussen ten laatste, bij een ongemene verheffing der zee, veel wegspoelde. Er staat op het noordeinde des eilands een vuurbaak, en hetzelve heeft aan de zuidkant een kleine haven voor vissers-boten.


 MCO - Middelburgsche Courant

Groningen, 3 februari. Heden ochtend heeft de heer gouverneur dezer provincie, met een estafette, door Zr.Ms. chargé d'affaires bij de Hanze-Steden, den 31 januari jl. des avonds uit Hamburg afgezonden, de tijding ontvangen, dat 's Konings linieschip WATERLOO, den 25 daar te voren, ten anker was gekomen, bij het zogenaamde Zand-eiland, op de afstand van 1½ mijl van Helgoland; dat gezegd schip naar de omstandigheden goed voor anker ligt, en van Helgoland alle mogelijke assistentie ontvangt; zijnde 5 visscherspinken daartoe in een aanhoudende dienst.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen – Middelburg, 10 februari. Heden is per brief van kapitein Esink, voerende het schip DE MERCURIUS, de tijding ingekomen van zijn arrivement te Demerary op de 14 december 1826, na een reis van 26 dagen. De welbezeildheid van het schip, blijkt uit het volgend extract van de brief van de kapitein: De 18 november, ten een uur, verliet ons de loods; des avonds om 10 uren waren wij reeds ver in Het Kanaal, zeilden alle schepen, die voor ons waren, spoedig voorbij; de 26 november waren wij Madeira en de 30 dito op 30° westerlengte van Greenwich de keerkring gepasseerd, hetwelk zeer spoedig mag genoemd worden; onze etmalen bestaan meest dooreen van 38 tot 50 mijlen. Het schip heeft zich in zee zeer wel gekweten en doet de maker ere aan, stuurt zeer gemakkelijk en slingert bij hoge zeeën niet rukkend, maar zeer zacht.
De kapitein dacht den 12 januari 1827 weder van daar te zullen vertrekken.

MCO 130227
Zeetijdingen – Vlissingen, 10 februari. Den 4 en 5 dezer zijn alhier ter rede gekomen, en vervolgens in de haven binnengebracht, ten einde er te overwinteren:
JOHANNA ELISABETH, kapt. M. Mesdagh, van Charleston, met rijst en katoen; en FANNY kapt. J.Y. van der Zweep, van Île-de-France, met suiker, beide naar Antwerpen gedestineerd.


14 februari 1827


  BC - Bataviasche Courant

Wij hebben het genoegen onze lezers te kunnen mededelen, dat, na de aankomst te Hellevoetsluis in het jaar 1825 van Zr.Ms. SIRENE, commandant kapt.luit. Buys, van hier vertrokken, ook nog de volgende tot Zr.Ms. eskader in Indië behoord hebbende en in de loop van 1826 succesievelijk van hier gezeilde oorlogsvaartuigen in de beste staat en na vrij voorspoedige reizen in de Nederlandse havens zijn binnengevallen, als Zr.Ms. fregat EURYDICE, commandant kapt.t.zee Wardenburg, Zr.Ms. fregat JAVAAN, commandant kapt.luit Anemaet, Zr.Ms. fregat MARIA REIGERSBERGEN, commandant kapt.t.zee Coertzen, Zr.Ms. korvet DOLPHIJN, commandant kapt.luit. Blommendal, en Zr.Ms. korvet KOMEET, commandant kapt.luit. Courier dit Dubikart, hebbende Zr.Ms. fregat MARIA REIGERSBERGEN de reis van Batavia naar de rede van Texel in het kort tijdsbestek van negentig dagen volbracht.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 12 februari het schip ARINUS MARINUS, kapt. J. Hahn, met een passagier en Zr.Ms. troepen, den 15 oktober vertrokken van Rotterdam.


15 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. Van Helvoetsluis wordt van den 13 dezer gemeld: Den 12 des namiddags is het schip D'EERSTELING, kapt. H.F. Klie, door behulp van ijssloepen van de Zuidwal afgehaald en aldaar op de haven gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. In een particulieren brief van Duinkerken, van de Nederlandse consul aldaar, in dato 9 dezer, wordt gemeld, dat te Duinkerken, als bijlegger binnen is het Nederlandse kofschip DE LEMMER, kapt. J. Tammes, van Cette met stukgoederen naar Antwerpen, hebbende het roer, een anker en een end kabel door de zware stormen uit de NNO verloren. Men denkt, dat de lading niet zal behoeven gelost te worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 februari. De PARAMARIBO, kapt. Turnbull, van Rotterdam naar Suriname, is bij Dartmouth op de rotsen geraakt en bij het volgende getij in de haven binnengebracht om geëxamineerd te worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 februari. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen het schip DE VROUW MARGARETA, kapt. P. Muller, van Amsterdam naar Smyrna, laatst van Gibraltar, is den 17 december te Port-Mahon aangekomen, en zou over twee dagen, onder konvooi van Zr.Ms. oorlogsbrik DE GIER, deszelfs reis voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 februari. Het schip DE VIGILANTIE, kapt. H.C. Smit, van Bordeaux naar Amsterdam, is den 3 dezer, en het schip DE BLIJDE UITKOMST, kapt. T. Komst, van Marseille naar Antwerpen, den 4 te Ramsgate binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 februari. Het schip DE VROUW JANNETJE, kapt. J. Roose, van Londen naar Antwerpen, is, volgens brief van Boulogne van den 4 dezer, aldaar op strand geraakt, doch weer vlot geworden en op de rede gebracht, waar het de vloed afwachtte om in de haven te komen; men dacht het grootste gedeelte van de lading onbeschadigd te lossen, doch het scheen in de bodem veel geleden te hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Smirna: het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELIZABETH, kapt. Anne Glazener.
Naar Liverpool: het Nederlandse kofschip AMICITIA, kapt. Hendrik Jacobs Benes, om bij open water dadelijk te vertrekken.
Naar Rochelle: het Nederlands kofschip ANNEGINA, kapt. Harm Jans Potjer, om 14 dagen na open water te vertrekken.
Naar Rochefort: het Nederlands kofschip ALINA FRANKINA, kapt. Jan Hiddes Mulder.
Naar Bayonne: het Nederlands smakschip HERSTELLING, kapt. Wolter Alberts Smit, om met de eerste schepen te vertrekken.
Naar Bergen in Noorwegen: het galjootschip MAARTINE ALETTA, kapt. Jan Gerrit Hoetjer.
Adres ten kantore van Kuyper, van Dam & Smeer.


 MCO - Middelburgsche Courant

Zeetijdingen – Vlissingen, 13 februari. Heden zijn alhier ter rede gekomen:
DE GOEDE HOOP, kapt. W.H. Boon, van Bordeaux naar Amsterdam gedestineerd, met wijn; en DE VROUW HELENA, kapt. J.C. de Vries, van Londen naar Antwerpen bestemd, met ballast.


16 februari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Haarlem, 14 februari. Naar men verneemt, is het wrak van DE WASSENAAR, waaruit men van tijd tot tijd zo veel heeft gelicht als gelegenheid het toeliet, gisternacht uiteen geslagen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoop op rechterlijk gezag. Op dinsdag de 27e februari 1827, des namiddags ten twee uren, zal ter requisitie van Rijtze Douwes Venema, schipper te Bakkeveen, in dezen domicilium houdende te Sneek, ten kantore van Jhr.Mr. Mattijs van Puttkamer, procureur aldaar, worden overgegaan buiten de Noorderpoort der stad Sneek, bij het Lijmfabriek van den heer Meinte Joustra, tot de verkoop aan den meestbiedende en laatst verhogende, van een Praamschip, lang over steven elf ellen zeven duimen en zes strepen, wijd twee ellen acht palmen en vier duimen, hol naar advenant, genaamd de GOEDE VERWACHTING, met daarbij zijnde een groot zeil, een haak, een boom, draaitreeft, dregge, staand-haardijzer, vuurpot, mast en lopend touwwerk, benevens nog 1200 bos haverstro, liggende gemeld praamschip in de Stadsgrachtbuiten de Noorderpoort te Sneek, bij voormelde Lijmfabriek; gearresteerd ten laste van Klaas Jans Andringa, schipper wonende in gemeld praamschip.
Alles zal met gerede en contante gelden moeten worden betaald.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop. Een hekschip, lang 17 ellen 4½ palmen, wijd 3 ellen 8 palmen 7 duim, hol 1 el 6 palmen 2 duim, vijf jaar oud; te bevragen met vrachtvrije brieven bij den eigenaar Tiete Geerts Visser, te Grouw.


17 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. De schepen THETIS, kapt. I.J. Lausen, van Amsterdam naar Port-à-Port, en DE JONGE ALIDA, kapt. A.G. van Berkel, van Londen naar Lissabon, beiden de Ramsgate binnen, hebben den 2 dezer derzelver reizen vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Het schip URANIA, kapt. J.H. Richter, van St. Ubes naar Stockholm, was den 1 dezer op de hoogte van Douvres.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Kapt. Martens, gevoerd hebbende het schip MARIA ELIZABETH, van Marseille naar Antwerpen, meldt van Pembrey, in dato den 7 dezer, dat zijn schip enige dagen te voren, door het onstuimig weer op die kust, uit elkander geraakt en geheel wrak geworden zijnde, hij genoodzaakt is geweest hetzelve publiek te verkopen. Van de lading waren 18 halve pijpen olie, onderscheiden kisten zeep, vaten meekrap, drogerijen enz., meestal zwaar beschadigd, geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. Te Middelburg is per brief van kapt. Esink, voerende het schip DE MERCURIUS, de tijding ingekomen van zijn arrivement te Demerary op den 14 december 1826, een reis van 26 dagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 februari. De PARAMARIBO, kapt. Turnbull, van Rotterdam naar Suriname, moet te Dartmouth gelicht en in het droge dok gebracht worden om te repareren.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Vendu-departement. Op donderdag de 1e maart 1827, precies te 11 ure, zal ter vendutie worden aangeboden, voor rekening van dien het aangaat, de Nederlandse brik LOUIZA DE KOCK, groot 158 last, met dies inventaris, zo als dezelve ter rede alhier (opm: van Batavia) is liggende.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Te koop, voor rekening van de assuradeurs, bij publieke vendutie op het vendukantoor te Samarang, op woensdag den 14 maart aanstaande, de romp van het gekoperd en met koperen bouten voorziene brikschip, genaamd DE WESP, alsnu liggende gestrand bij de dessa genaamd Boeloesan, circa acht palen van Samarang: alsmede deszelfs lading, bestaande in beschadigde rijst.
Samarang, 7 februari 1827.


20 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 februari. Het schip de VROUW JANNETJE, kapt. J. Roose, van Londen naar Antwerpen, te Boulogne in de haven gekomen, was den 6e bezig met lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 februari. Het schip de TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Marennes naar Dordrecht, is de 10e dezer wegens tegenwind doch in goede staat te Calais binnen gelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Rotterdam, 16 februari. Naar men verneemt is het wrak van de WASSENAAR, waaruit men van tijd tot tijd zoveel heeft gelicht, als de gelegenheid toeliet, des nachts van den13 op den 14 uit een geslagen. Aan het strand te Wijk aan Zee en elders is een menigte van vaatwerk met leeftocht aangedreven, tot berging waarvan de nodige maatregelen zijn genomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.E. van Loon, te St. Anna Parochie, zal op woensdag den 7 maart 1827, des namiddags ten drie uren, in de herberg te St. Jacobi Parochie verkopen een welbezeild turfschip, genaamd de JONGE ANTONETTE, lang over steven 13 ellen ¾ duimen; wijd 2 ellen 9 duimen en hol 1 el 27 duimen, met zeilen, boomen, touwen en verdere aan en toebehoren, zodanig en in dier voegen hetzelve bij wijlen Klaas H. de Roos weduwe is bevaren geweest, en thans liggende te St. Jacobi Parochie; dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden. Waarop geboden is NLG 450. Alles bij biljetten breder omschreven.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 17 februari. Van den 14 dezer tot heden zijn alhier ter rede gekomen, en vervolgens in de haven gebracht: de JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, van Yarmouth naar Brussel gedestineerd, met ballast. DE RUBBENS, kapt. H.H. Lange, van Londen, met ballast; DE THERESIA, kapt. L.J. Besseling, van de Marennes, met zout, en FLORA, kapt. F.A. Laming, van Batavia, met koffie; alle drie naar Antwerpen bestemd.
Veere, 16 februari. Gisteren is alhier ter rede gearriveerd en wegens de voortdurende vorst in onze haven gehaald, het Engelse brikschip ARNO, kapt. John Cook, van Londen, met stukgoederen en hout.


 MCO - Middelburgsche Courant

Aan de equipage van het schip RUBBENS, liggende in ’s Rijks Dok, mag geen krediet verleend worden.
Vlissingen, den 17 februari 1827.
De kapitein, H.H. Lange.


21 februari 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Alzo H. Geers, geboortig van Hagen; op de 22e oktober 1824 te Amsterdam is aangemonsterd als bootsman, in dienst van het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. M. Oosterbaan (opm: brik, kapt. Mattheus Oosterbaan, zie RC 070226), bestemd naar Suriname via New York en de 31e juli 1825 met gemelde bodem van Suriname weer naar Amsterdam is vertrokken en men tot heden niets verder van hem vernomen heeft, zo worden deszelfs naastbestaanden verzocht en uitgenodigd, om de door den voorz. bootsman op deszelfs uitreize verdiende gagie, tegen behoorlijke kwitantie en verdere gevorderd wordende bewijsstukken, vóór of op de 1e april 1827 te laten ontvangen, ten kantore van de heren Evert Smit en Zonen, te Koog aan de Zaan (in Noord-Holland)


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J. van Raven, H.J. Rietveld en J. Jansen, makelaars, zullen op maandag de 26e maart 1827, (in plaats van maandag de 26e februari) des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, verkopen: een extra ordinair welbezeild gekoperd fregatschip, genaamd MARGARETHA JOHANNA, gevoerd bij kapt. A.A. Herman, lang 28 ellen 80 duimen, wijd 7 ellen 35 duimen, hol 3 ellen 50 duimen, tussen deks 1 el 72 duimen, alles Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de makelaars.


22 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 februari. Gisteren nacht is luit.t.zee Berkhout Molenaar te ’s Gravenhage aangekomen met het bericht, dat Zr.Ms. schip de WATERLOO van Helgoland is vertrokken en zaterdag zich ter hoogte van Terschelling zeilende bevond. Het schip zeilde redelijk goed met het noodtuig, de bodem was volledig dicht en in de beste staat. Alles was wel aan boord en onder de troepen heerste de beste geest. De commandant, kapt. Van Daalen, was voornemens om, zo de gelegenheid dit toeliet, in Texel binnen te lopen.


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 20 februari. De scheeps-luitenant Molenaar deze nacht alhier aangekomen en Zr.Ms. schip DE WATERLOO op eergisteren verlaten hebbende, brengt het bericht, dat die bodem van Helgoland vertrokken is en op het tijdstip, toen die officier het schip verliet, tot op de hoogte van Terschelling de vaderlandse kust genaderd was. Aan boord was alles zo wel, als men bij de plaats hebbende omstandigheden kon verlangen en heerste er de beste geest onder de troepen.
Zo men meent, zal het voornemen van de heer kapt. Van Dalen, bevelhebber van het schip, nu zijn om, met behulp van de bij hem zijnde hoekers en in het bijzonder met de bijstand van de platboomde vaartuigen, de troepen op het meest daartoe geschikte punt van de Hollandse kust te ontschepen en vervolgens een haven, voor zijn schip berekend te zoeken, welke men mag veronderstellen, dat hij, met deszelfs thans zeer wel in orde zijnde noodtuig geredelijk zal kunnen bereiken.
De heer Varkevisser, die voorlopig een bericht uit zee, deswege van het ministerie, was komen brengen, is met goedvinden van hetzelve, reeds vier ure vóór de aankomst van de gemelde luitenant, naar het Nieuwe Diep gesteld, om te beproeven de terugkering der pinken te voorkomen en van dezelve dáár, wáár het nodig zou mogen zijn, een nuttig gebruik te maken.
Men ziet met verlangen enige nadere tijding tegemoet, om daardoor te vernemen, welke de redenen mogen zijn, die de heer Van Dalen, in deze ogenblikken van een tegengestelde verwachting, aangemoedigd te hebben, om naar de vaderlandse wal te stevenen. Het is schier boven twijfel, dat de aangevoerde hulp van Cuxhaven, of nadere berichten, wegens het moeilijk binnenlopen dier zeeplaats en de overweging van het bezwaarlijke en kostbare om onze troepen over meer dan één vreemd grondgebied naar het vaderland te doen wederkeren, deze bekwame bevelhebber tot een keuze zullen bewogen hebben, waarin zich een ieder, bij het meer dan vermoedelijk wel slagen, zal verblijden. (opm: aanvulling op PGC 230227 en 270227 en MCO 270227)


23 februari 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage,18 februari. De Scheveningse pinken, welke tot hiertoe nog altijd ter beschikking van het ministerie van marine in het Nieuwe Diep gelegen hebben, zullen eerst daags naar Schevingen terug keren, aangezien, volgens de laatste berichten, Zr. Ms. schip de WATERLOO de 6e dezer van Helgoland naar Cuxhaven zou zeilen, en hoogstwaarschijnlijk zich thans aldaar bevindt, om hetgeen aan deszelfs tegenwoordig noodtuig ontbreekt, bij te zetten, ten einde, zodra de gelegenheid zich aanbiedt, naar het vaderland weder te keren. In dat geval zal wellicht de bijstand der platboomde pinken, tot ontscheping der troepen en goederen, kunnen nodig zijn, waartoe de heer Varkevisser en zijn Scheveningers ten volle bereid zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. G. de Waal, procureur te Heerenveen, als daartoe gelastigd, gedenkt ten overstaan van den notaris J.P.J. Greijdanus, te Heerenveen, ten huize van den kastelein P. Fonk, publiek te verkopen, op vrijdag den tweeden maart 1827 een welbezeild, hecht, sterk, hektjalkschip, genaamd de BOORNSTROOM, gemeten op tachtig tonnen, lang en hol naar advenant, liggende thans aan de Nieuwebrug onder Haskerdijken, met deszelfs zeil en treil, sloep en verder toebehoren, volgens inventaris daarvan voorhanden, op voorwaarden inmiddels bij denzelven te vernemen. Zijnde hetzelve vaartuig ook tot dien tijd, uit de hand te koop.
Heerenveen, 21 februari 1827, Mr. G. de Waal; procureur.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris K.J. van der Veen, te Drachten, zal, op vrijdag den 2 maart 1827, des namiddags om 2 uren, ten huize van Klaas Tjeerds Gaaikema, herbergier te Oudega, publiek bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen twee hechte en sterke Turf of zogenaamde Bollepramen, gelegen in de haven van Oudega.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. E.E. Wielinga van Scheltinga, notaris te Leeuwarden, zal, ten verzoeke van den heer procureur S.B. Stienstra, aldaar, op maandag den 5 maart 1827 provisioneel, en op vrijdag den 9 maart finaal, telkens des namiddags ten drie uren, in het Schippershuis op het Vliet bij Leeuwarden, veilen en verkopen een sterk en wel onderhouden hektjalkschip, de JONGE SIJTZE genaamd, lang ruim 18 ellen en wijd circa 4 ellen, hol naar advenant, met zeil en treil, ankers en touwen, boomen en haken, en hetgeen daartoe verder is behorende, volgens inventaris, thans liggende bij de Koemarkt, aan de brug in het Ruiterskwartier te Leeuwarden; zijnde op de verkoopdag voor de gegadigden te bezichtigen. Condities zijn te vernemen en biljetten te bekomen ten kantore van opgemelden notaris en procureur.


24 februari 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 februari. Het schip WILHELMINA, kapt. C. Cordia, van Newport naar Dordrecht, is den 12 februari te Falmouth lek binnengelopen, doch heeft den 14 dito de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 februari. Het schip JOSEPH, kapt. J.H. Arends, van Bordeaux naar Antwerpen, is den 10 februari te Cowes binnengelopen.


27 februari 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 22 februari. De heer Berkhout Molenaar, luitenant der marine, welke voor drie weken naar Zr.Ms. schip WATERLOO was vertrokken, is bij Huisduinen terug aan wal gekomen. Laatstleden zaterdag had hij het schip het laatst gepraaid, zeilende toen op de hoogte van Terschelling, doch had door de hoge zee, het boord niet kunnen bereiken. Met het noodtuig, waarmede het schip is voorzien, zeilde het redelijk wel; de bodem was volkomen dicht en in de beste staat, ook bevonden equipage en passagiers zich tamelijk wel. De kommandant had het voornemen in Texel binnen te komen. Dit schijnt echter niet te hebben kunnen gelukken, want men verneemt, dat het schip van oorlog WATERLOO zondag l.l. het gat van Texel, hetwelk als toen met ijs bezet was, is voorbij gezeild. Sedert heeft men van dien bodem niets naders vernomen en veronderstelt men, dat dezelve of naar Vlissingen is gezeild, of wellicht een Engelse haven heeft gezocht.


 MCO - Middelburgsche Courant

’s Gravenhage, 21 februari. Gisteren nacht is de luitenant-ter-zee Berkhout Molenaar alhier aangekomen, met het bericht, dat Zr.Ms. schip WATERLOO van Helgoland vertrokken is en zaterdag zich op de hoogte van Terschelling zeilende bevond. Het schip zeilde redelijk goed met het noodtuig; de bodem was volkomen dicht en in de beste staat; alles was wel aan boord en onder de troepen heerste de beste geest. De commandant was voornemens om, zo de gelegenheid dit toeliet, in Texel binnen te lopen.
De heer Molenaar behoort tot de equipage van het wachtschip ZEELAND, in het Nieuwe Diep liggende, en was den 29 januari met de Zierikzeese vissloep DE VREDE, schipper Maarten Abeele, buiten om van de rede van Texel naar de WATERLOO gezeild, die toen bij
Helgoland ten anker lag. Daar gekomen kreeg hij van de kapitein-commandant Van Daalen last, om naar Cuxhaven te gaan, ten einde te onderzoeken of de Elbe vrij van ijs was; na zich van deze last gekweten te hebben was hij den 6 dezer van Cuxhaven weer naar Helgoland vertrokken, om verslag te doen van zijn bevinding. Maandag is die officier van zijn zending teruggekeerd en bij Huisduinen aan wal gestapt.
De heer Varkevisser, die voorlopig een bericht uit zee omtrent de WATERLOO aan het Ministerie van Marine was komen brengen, is met deszelfs goedkeuring in aller ijl naar het Nieuwe Diep vertrokken, om te beproeven van het vertrek van de zes Scheveningse pinken, die naar Scheveningen terug moesten komen, te beletten, ten einde daarvan een nuttig gebruik te maken daar, waar zulks nodig mocht zijn.
Tijdingen van Den Helder, van den 19 en 20, bij de burgemeester van deze stad ontvangen, melden, dat de Scheveningse pinken, bij het vernemen van de aankomst van de WATERLOO, op de hoogte van Terschelling, niet terug gezeild zijn, maar zich gereed hielden, dat schip op te zoeken, zodra het ijs, waarvan het gat toen vol was, zulks zou toelaten.
Inmiddels is heden bij Z.ed, achtb. een brief ontvangen, gisteren geschreven uit zee, op de hoogte van Loosduinen, door de commissaris van de loodsen, P.J. Duinker. In denzelven wordt gemeld, dat Zr.Ms. schip WATERLOO zondag Texel gepasseerd is; dat gezegde commissaris tot op de plaats, waar hij zich nu bevond, op 7 mijlen afstands, die bodem niet had kunnen ontdekken; dat een schoener, van Bergen in Noorwegen komende, en die dag dwars van Noordwijk 6 mijlen van de wal, door hem gepraaid, ook niets van het schip had vernomen; dat hij om die redenen, van gedachten was, dat de WATERLOO naar Engeland doorgezeild was; dat hij evenwel nog meer zuidwaarts gaan zou, tot voor Vlissingen, om te zien of het schip ook aldaar mocht zijn. Ondertussen houden de pinken langs de gehele Hollandse kust zich in gereedheid, om, bij het opdagen van de WATERLOO, dat schip alle bijstand te bieden. Van Scheveningen kruisen 3 pinken tot op de hoogte van Zandvoort, om hetzelve te ontdekken.


01 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 februari. Het schip NEPTUNUS, kapt. Waerens, van Londen naar Antwerpen, te Ostende binnengelopen, heeft ter hoogte van Duinkerken zeer slecht weder uitgestaan en bijna zes palm water in het ruim gekregen, en moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Smirna, het Nederlands brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. Anne Glazener, om den 15 april aanstaande te vertrekken.
Naar Liverpool, het Nederlands kofschip AMICITIA, kapt. Hendrik Jacobs Benes, om bij open water dadelijk te vertrekken.
Naar Rochelle, het Nederlands kofschip ANNEGINA, kapt. Harm Jans Potjer, om 14 dagen na open water te vertrekken.
Naar Rochefort, het Nederlands kofschip ALIDA FRANKINA, kapt. Jan Heddes Mulder.
Naar Baijonne, het Nederlands smakschip DE MEELZAK, kapt. Jan Hermanus Witteveen.
Naar Petersburg, het Nederlands smakschip HERSTELLING, kapt. Wolter Albers Smit, om met de eerste schepen te vertrekken.
Naar Bergen, in Noorwegen, het Nederlands galjootschip MAARTINA ALETTA, kapt. Jan Gerrits Hoetjer.
Adres ten kantore van Kuijper, van Dam en Smeer.


02 maart 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 26 februari. De commissaris der loodsen Duinker is, na langs de gehele kust te hebben gekruist om de WATERLOO op te zoeken, in het Nieuwe Diep wedergekeerd, zonder dat schip te kunnen opsporen. Dien ten gevolge hebben de Scheveningse pinken het anker gelicht en zijn gister nacht te Scheveningen teruggekomen. Intussen meent men op goede gronden te kunnen verzekeren, dat de WATERLOO zeilende is gezien voorbij Harwich, koers houdende naar de Nore, alwaar dezelve hoogstwaarschijnlijk zal aangekomen zijn.
Arnhem, 26 februari. Men heeft thans de zekerheid, dat Zr.Ms. schip van oorlog de WATERLOO zonder ongelukken de Theems is binnen gelopen.


03 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. Het Neerlandse smakschip de VROUWE ANNA, kapt. J.C. Fokken, van Londen, is volgens brief van Schiermonnikoog van 21 februari, ter hoogte van Ameland omgeslagen en met al het volk vergaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Liverpool, het Nederlands galjootschip HOOP, kapt. W. Kuijt; zijnde gereed om met de eerste schepen van de stad te vertrekken. Adres bij Boutmy & Co.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Newry, het Nederlands kofschip DE VROUW IKINA, kapt, Gerrit Jans Postma.
Naar Belfast, het Nederlands kofschip ARIUS JOHANNES, kapt. Hermanus van Wijk.
Adres bij D. Burger & Zoon.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Ministerie voor de marine en kolonien.
De Minister voor de Marine en Kolonien brengt, bij deze, ter kennis van alle daarbij belanghebbenden, dat, volgens bij hem ingekomen rapport, de maat van zeker, in de maand maart van het jaar 1826, aan het einde der Dordtsche Kille gezonken schip, welke tot hiertoe tot een soort van baak verstrekte, door het drijfijs is afgebroken of verloren geraakt.
’s Gravenhage, 17 februari 1827, de minister voornoemd, Elout.


06 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Van Helvoetsluis wordt van den 3 gemeld, dat den 2, des namiddags, aldaar DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metson, van Lissabon; zijnde, na de visitatie, van de quarantaine ontslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Van den Briel wordt van den 3 gemeld, dat des avonds arriveerden DE DOLPHIJN, kapt. W. Schep, van Gibraltar, DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden, van Messina; DE VROUW ANNE, kapt. G. Don, van Kadix, DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, en DE JONGE ALIJDA, kapt. A.C. van Berkel, van Lissabon, DE JONGE MARIA, kapt. C. Teves, van Smyrna; de twee laatsten zijn binnen de bank tegen de kant vastgeraakt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Van Helvoetsluis wordt van den 5 gemeld, dat den 5, des namiddags, arriveerden DE JONGE HENDRIKA, kapt. A. Plug, van Cephalonia; zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Den 4 des namiddags, zeilde uit de Maas DE HENRIETTA JOHANNA, kapt. E.J. Kleun, naar Amsterdam.
De schepen DE JONGE ALIJDA, kapt. A.C. van Berkel en DE JONGE MARIA, kapt. C. Tevens zijn den 4, des avonds in vlot water gekomen.
Den 5 des morgens, arriveerde DE JONGE PRINS VAN ORANJE, kapt. J. van der Wint, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 maart. Uittreksel uit de Lloyd’s Lijsten van 27 februari en 2 maart.
- De MARIE, kapt. Zirck (opm: driemaster, thuishaven Gent, kapt. Jürgen Zirck), van Marennes naar Antwerpen is den 26 op Goodwin Sands geraakt en in stukken geslagen; het volk is gered.
- De OSIRIS, kapt. C. Schaken, van Pernambuc naar Antwerpen, heeft op de Seven Stones gestoten en is te Scilly met zes voet water in het hol binnengekomen. Het schip lost en de lading zal waarschijnlijk zwaar beschadigd zijn. (opm: de brik en een deel van de lading suiker en katoen bleven behouden)
- De VROUW JOHANNA, kapt. Dows (opm: smak, kapt. Doewe Pieters Doewes), van Bordeaux naar Antwerpen, is den 28 februari te Birling Gap, bij Newhaven, vergaan. Het volk is gered en men hoopt het merendeel van de lading te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Te Batavia liggen ter rede Zr.Ms. fregat MELAMPUS, korvetten LIJNX, AREND; piniche No. 4; schepen RECOVERIJ, MARIA, MATHILDA, AUGUSTE, DE GEZUSTERS, THALIA, L' AUGUSTE, OEIJ SINJO; brikken DIJKZIGT, PENHOIJ, DE DRIE MARIA'S, FONGSIE, CLEMENTINA, DE HOOP, OROMASE, MARIA, FATAHILWAHAP, ELIZABETH, A.B.C., EXPERIMENT, GOLLEK; schoeners HAPHIEN, SEMANKA, KASSOOR.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Het fregat DE SCHELDE, voor welks behoud men zolang beducht geweest is, is eindelijk vlot geraakt, en naar Terneuzen gebracht, waar men het in zo ver wil voorzien, dat het doormiddel van een stoomvaartuig veilig naar Antwerpen kan gesleept worden, om er de nodige reparaties te ondergaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Den 5, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis, DE WILHELMINA, kapt. C. Cordia, van Newport.
Van Helvoetsluis wordt van den 7 gemeld, dat DE EERSTELING, kapt. H.F. Klie, is naar boven gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Den 6, des namiddags, arriveerden in de Maas, REMBRAND, kapt. Vroome, van Zante; PAULINE, kapt. Joostens, van Marennes; TROMP, kapt. Nolles, van Cette; VRIENDSCHAP, kapt. Hubroek, van Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 maart. De schepen FLORA, kapt. G.E. Klein, van Bordeaux naar Amsterdam en de MARIA LAVINIA, van Liverpool naar Antwerpen, te Scilly binnengelopen.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 5 maart. Op 3 maart bij Texel binnengekomen J.G. Wiersma (opm: kof de TWEELINGEN DANIEL EN REMCO) van Cette.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 27 februari. Heden is bij het ministerie van marine en koloniën de officiële tijding ontvangen, dat Zr.Ms. schip de WATERLOO te Sheerness aangekomen is. Het Britse dagblad de Courier, van de 22e bevat insgelijks dat bericht, meldende, dat de WATERLOO, vergezeld door onderscheidene Nederlandse visschepen, op die plaats het anker heeft laten vallen. Zonder twijfel zijn die visschepen de hoekers van Den Briel en van Maassluis, welke zich bij dat schip op onze kust bevonden.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 3 maart. Gisteren is in Texel gearriveerd het schip de AUGUSTE, kapt. Hulsen, van Batavia, welk schip de 31e oktober vandaar gezeild is, Zo men verneemt, zijn er geen ongunstige berichten mede aangebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Er wordt gevraagd een scheepsdokter, de nodige bekwaamheden bezittende, om in die kwaliteit de reis naar Groenland te doen, en geplaatst te worden op het fregatschip WILLEM DE I (opm: WILLEM DE EERSTE). Degene, welke daartoe genegen is gelieve zich ten spoedigste, immers voor den 13 maart, aan te melden, bij de Nederlandsch Groenlandsch en Straat Davids Visscherij Sociëteit te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 24 februari binnen gekomen het brikschip THOMAS AND ANN, kapt. John Raper, met ballast van Hull.
De 27 dito binnen gekomen het schonerschip NORTHAM, kapt. G. Pearson, met ballast van Londen.
De 28 dito binnen gekomen het sloepschip ATTALANTA, kapt. Wm. Mann, met ballast van Londen.
De 2 maart uitgezeild het schonerschip FAME, kapt. Wm. Barfield, met boter naar Londen.
De 3 dito binnen gekomen de schonerschepen LIVELY, kapt. Samuel Finch, HOPE, kapt. Wm. Cousins, VICTORY, kapt. R. Rice, het smakschip CHRISTINA, kapt. G.A. Boomgaard, het tjalkschip BOUWINA, kapt. H.J. Dekker, alle vijf met ballast van Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Mr. A. van Slooten, te Dokkum, zal ten overstaan van de deurwaarder van der Werff, aldaar, publiek, bij strijk en verhoog geld, aan de meestbiedende, verkopen een beurt, of de helft in een geoctrooieerd Trekschip, varende van Dokkum op Leeuwarden, heen en terug, getekend met no. 1, met het quoteel aandeel in het Veer van Dokkum op Harlingen, en al hetgeen verder daartoe aanbehoort, thans bij den mede eigenaar Jelle Terpstra in gebruik; den 12 mei 1827 vrij te aanvaarden. Wie gading maken, komen op donderdag den 15 maart 1827, des avonds ten zes uren, ten huize van Jelle Terpstra, kastelein op het Vleesmarkt te Dokkum. (opm: In LC 200327 is geboden NLG 1851)


08 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomboot WILLEM DE EERSTE. Bepaling der afvaart gedurende de maand maart 1827, te beginnen met zondag de 11ederzelfde maand:
Van Nijmegen naar Rotterdam, elke zondag, dinsdag en donderdag, des morgens ten 7 ure.
Van Rotterdam naar Nijmegen, elke maandag, woensdag en vrijdag, des morgens ten 6 ure.
Informatiën worden gegeven te Rotterdam bij de commissaris Spruijt, in de Boompjes bij het Bolwerk en te Nijmegen ten kantore der ondernemers, aan de Waal.


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 6 maart. Een brief uit Middelburg, van de 4e maart, deelt het navolgende bericht omtrent het, op de 1e dezer, op de Noorder Rassen (opm: bank in de Westerschelde) gestrande schip mede: ”Uit de aangespoelde papieren blijkt, dat het verongelukte schip DE JAVA PACKET is geweest (opm: fregat JAVA PAKET, b.j. 1821, onder kapt. Hendrik Kortemeijer, die na verkoop van de brik DIJKZIGT in Batavia om onbekende redenen het commando van kapt. Charles Boyle had overgenomen). Hetzelve is midden doorgeslagen, het onderschip met de lading is gezonken, de voorsteven en zijden van het bovendek met het tuig en de masten zijn aangespoeld. Op deze laatste waren 8 mensen, doch slechts één in leven, zijnde een Blankenberger visser, die, slechts één uur aan boord geweest zijnde, weinig of niets heeft kunnen mededelen. Volgens zijn zeggen, waren er 6 passagiers aan boord en onder dezelve schijnen, volgens de gevonden papieren, de heren De Graaff en d’Ory, alsmede twee vrouwen geweest te zijn. Van de lading is nog niets dan een baal koffie aangespoeld en enige kisten met opgezette vogelen en vreemde dieren. (opm: zie PGC 090327, RC 130327 en DC 280427)


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Voor passagiers van Rotterdam naar Londen.
De directie der Rotterdam en Londen Stoomboot-maatschappij bericht bij deze dat de dienst tussen hier en Londen met zaterdag de 17e dezer een aanvang zal nemen, zullende de stoomboot DE KONINGIN DER NEDERLANDEN die dag van Londen vertrekken, om op woensdag daaraanvolgende de 21e maart, ten acht uur des morgens, van Rotterdam naar Londen te retourneren; dezelve zal voorts geregeld varen de zaterdags van Londen en des woensdags van Rotterdam, ten acht uur des morgens. De stoompakket DE KONING DER NEDERLANDEN zal mede vroegtijdig in april in de vaart gebracht worden.
Rotterdam, 5 maart 1827. (opm: dit zijn Engelse stoomschepen, resp. genaamd QUEEN OF THE NETHERLANDS en KING OF THE NETHERLANDS)


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad is gearriveerd het schip de WILHELMINA, kapt. C. Cordia van Newport, met band en staafijzer.


09 maart 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Rotterdam, 7 maart. Uit een brief, aan boord van Zr.Ms. WATERLOO, thans te Sheerness, geschreven, blijkt, dat de equipage en de troepen voor Helgoland veel koude hebben uitgestaan en de troepen, vooral onder de vijfde compagnie, wier manschap te voeren reeds zeer koortsachtig was, veel door koorts hebben geleden, zo dat bijna de helft dier compagnie ziek lag en op de reis dagelijks een à twee man overleden waren. De overige compagnieën hadden geen of weinige zieken; ook waren door het stormachtige weer vier man overboord geslagen en verdronken. De zieken werden allen te Sheerness aan wal gebracht, waar zij behoorlijk verzorgd en verpleegd worden. Niettegenstaande het altijd gebrekkige van een noodtuig, zeilde DE WATERLOO zo goed, dat de vissers-hoekers, die van Helgoland dien bodem hebben vergezeld, niet dan met veel moeite het schip konden bijblijven en hetzelve, als de wind opstak, zeil moest minderen, om de vissers niet geheel uit het gezicht te verliezen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

London den 2 maart. De Times van heden berigt het binnenlopen van het Nederlandse schip de WATERLOO in de haven van Sheerness, maar voegt er bij, dat zo wel de scheeps-equipagie als de aan boord zijnde troepen, zich in een ziekelijke toestand bevinden. Het Engelse Gouvernement had onmiddellijk een officier van gezondheid van de Koninklijke zeemacht derwaarts gezonden, en deze had ogenblikkelijk een vijftigtal der ergste lijders naar het Koninklijk hospitaal van Woolwich doen overbrengen, alwaar hen alle mogelijke hulp en zorg wordt toegebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam den 5 maart. Men verneemt, dat de 1e dezer op de Noorder Rassen, voor Westkapelle, een schip gestrand is, van Batavia komende, zijnde waarschijnlijk de JAVA PAKET, kapt. Kortkemeijer, naar Antwerpen bestemd. Men vreest, dat de equipagie, uit 23 man bestaande en 6 passagiers, omgekomen is. De loods, die bij Blankenberg aan boord gegaan was, is alleen op een stuk van het wrak tussen Oostkapelle en Vrouwen-Polder aangespoeld en door de strandbedienden gered. Het strand tussen deze plaatsen is bedekt met de overblijfselen van het schip. (opm: zie o.a. AC 080327)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De 29e september is Zr.Ms. korvet de POLLUX, kapt. C. Eeg, van Soerabaija vertrokken, om met troepen aan boord door de straat Balie naar de baai van Padjitan op de zuidkust van Java te stevenen, Men had reeds tijding dat zij de 14e oktober in die baai ten anker gekomen is.


10 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Den 7 des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis, en zeilde ROTTERDAM, kapt. J. Lamin, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Te Antwerpen zijn gearriveerd JUFVROUW TITIA, kapt. Schuer, en VROUW ELISABETH, kapt. E.J. van der Molen, van Bordeaux; JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, van Yarmouth, en HOPENDE ZEEMAN, kapt. Plat, van Baijonne.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 maart. Uittreksel uit de Lloyd’s Lijst van den 6 maart.
De EENDRAGT, kapt. Driestens (opm: smak, kapt. C.J. van Driesten), van Marennes naar Antwerpen, is den 1 dezer te Chilton op het westelijk gedeelte van Wight gestrand. Het volk is gered en het schip zal denkelijk afgebracht worden. (opm: de zeebrief werd op 1 juli door de consul-generaal te Londen naar den Haag teruggezonden met de mededeling ‘schip verongelukt’)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart. Het schip FORTUNA, kapt. J. Scholberg, van Triest naar Antwerpen, is te Port-Mary of Scilly met schade binnengelopen.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. In naam des konings verkoping bij executie, van een vaartuig, zijnde een hengst, liggende in de Nieuwbrugshaven, bij de Wijnbrug, te Dordrecht, lang over steven 9 ellen 4 palmen 6 duimen, wijd op de boorden 2 ellen 3 palmen 3 duimen, diep 8 palmen 5 duimen, met al deszelfs staande en lopend want, bestaande in een sprietzeil, een fokzeil, een vlieger, een dreg en touw; een partij oud zeil- en touwwerk.
Deze verkoop geschiedt uit krachte van een vonnis door de Administratie der Directe Belastingen, In- en Uitgaande Rechten en der Accijnzen, op 22 november 1826, bij de Correctionele Rechtbank te Dordrecht, geobtineerd tegen Teunis van Herwijnen, mede te Dordrecht, schipper en eigenaar van voormeld vaartuig, en ten gevolgen van het proces-verbaal van arrest van den 3 maart 1827, geregistreerd den 6 daaraanvolgende.
De definitieve verkoop zal plaats hebben op maandag 19 maart 1827, des middags 12 ure, ter rolle van bovengenoemde Rechtbank.
De inventaris kan bezichtigd worden in de Wijnstraat, ten kantore van het Gemaal en Geslagt.
Nader onderricht wordt gegeven door F. van Kooten, Procureur van de Executant.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Op den 6 april aanstaande, zal door de ondergetekenden publiek worden verkocht de brik MARGARETHA, thans liggende ter rede Grissee, met deszelfs staand en lopend want, zeilen en verdere inventaris goederen, alles behorende aan de boedel van wijlen de te Sumanap overleden burger F.C. Reep.
Grissée, den 22 februari 1827, de agenten van de Soerabajasche Weeskamer, M. de Bruin, J. Zijlstra.


13 maart 1827


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Te St. Thomas zijn gearriveerd P. Schakel, W. Turner, B.O. Hansen, en te Berbice F. Bax, C. Hofker en C. Koert, alle 6 van Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Zr.Ms. schip WATERLOO, is te Sheerness in het droge dok gebracht om te repareren. De troepen zijn provisioneel overgescheept op een oud schip, dat aan de wal ligt, en het zeevolk aan boord van een ander schip.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Den 10 des morgens, zeilden van Helvoetsluis de schepen KLAZINA EN DIRKJE, kapt. C. Schilperoord, naar Lissabon en EDINBURGH PACKET, kapt. J.D. Williams, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. NEÊRLANDS KONING, kapt. W. Verloop, is, door behulp van ijssloepen, van tussen de Oude- en Nieuwehaven, van de Hoofden afgezeild en op de rede ten anker gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Den 10, des nachts, zeilden uit de Maas NEÊRLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden, naar Lissabon; DE VROUW NEELTJE, kapt. J. van Gelderen, naar Lissabon; DE HENRIETTA JOHANNA, kapt. E.J. Kleun, naar Amsterdam; DE MERKURIUS, kapt. C. Bakker, DE VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap, naar Newry; DE HOOP, kapt. W. Kuijt, naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Den 11 des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE SNELHEID, kapt. A. van der Linden, van Smyrna, laatst van Vlissingen en LA PROSPÉRITÉ, kapt. A, Berneval, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Den 7, des avonds, is op de rede van Vlissingen gearriveerd het Nederlands fregat (opm: in 1826 vertuigd tot bark) MATHILDA, kapt. Groenendaal, den 25 oktober 1826 van Batavia vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Den 8, in de vroege morgen, is op de bank de Elleboog voor Vlissingen vastgeraakt en verbrijzeld de beurtman van Antwerpen op Londen, zijnde het Nederlandse pleitschip de VROUW CATHARINA, schipper Arij van der Schuit (opm: gaffelschip, kapt. Johannes van der Schuyt, Antwerpen), van Londen komende met een lading rozijnen en suiker, was hetzelve des nachts door de storm omhoog, lek en vol water geraakt; de equipage, bestaande uit vijf man, is aan de Noldijk (opm: Nolledijk) behouden aan wal gekomen; men wendt alle middelen aan, om zoveel mogelijk van tuig en inventaris te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Te Middelburg is van Demerary gearriveerd het schip MERKURIUS, kapt. H.B. Esink.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Te Antwerpen zijn gearriveerd MATHILDA, kapt. Groenendaal, van Batavia; DRIJ GEBROEDERS, kapt. Smet, van Marseille, EENIGHEDEN, kapt. Fasher, van Barcelona; JOSEPH, kapt. Arends, van Bordeaux, GOEDE HOOP, kapt. Klein, van Messina; NIEUWE UNION, kapt. J. van den Broecke, van Londen, en THERESIA, kapt. Besseling, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 maart. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 9 maart.
DE VROUW ANTONIA, kapt. Meijer, van Cette naar Amsterdam en thans te Cowes, is beginnen te lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 maart. Kapitein J. Grimson, van Yarmouth naar Antwerpen, den 4 februari te Veere gearriveerd, heeft op de hoogte van Schouwen, niet ver van de kust, onderscheidene goederen, als kisten, vaten en wrakhout zien drijven, vermoedelijk afkomstig van het bij Domburg verongelukte driemastschip de JAVA PAKET, kapt. H. Kortkemeijer, van Batavia naar Antwerpen (opm: zie AC 080327).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 maart. Het schip DE VROUW JANNETJE, kapt. J. Roose, van Londen naar Antwerpen, reeds gemeld te Boulogne binnen, was den 3 dezer van de geledene schade hersteld, zou die dag de lading weer innemen en in de volgende week de reis voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 maart. Aangaande het verongelukte schip DE VROUW JOHANNA, kapt. D.P. Douwes, van Bordeaux naar Amsterdam, wordt van Newhaven van den 3 dezer gemeld, dat van hetzelve geborgen zijn de ankers, kabels, zeilen, trossen, want en ra's en van de lading 248 okshoofden en 15 stukken wijn, omtrent 376 kisten pruimen, 10 vaten gom en 2 vaten spaans groen, welke goederen, omtrent 10 Engelse mijlen van die plaats, in een pakhuis zijn opgeslagen; het hol zou maandag den 5 dezer verkocht worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 9 maart. Gisteren zijn onze zeven hoekerschepen en de sloep van Pernis, welke Zr.Ms. schip WATERLOO van Helgoland naar Sheerness vergezelden, behouden in de Maas teruggekomen. Na van kapt. Van Daalen een vererend ontslag bekomen te hebben, verlieten zij eergisterenmorgen ten zes ure de rede van Sheerness en hadden nog denzelven avond het vuur van West-Kapelle ZO van hen in het gezicht.
De stuurlieden verhalen, dat de sterke noordoosten wind, welke hunnen tocht naar Helgoland zo bezwaarlijk en moeilijk maakte, ook op hunne terugreis de voornaamste oorzaak was, dat DE WATERLOO niet in Texel is binnengekomen.


  DC - Dordtsche Courant

’s Gravenhage, 10 maart. Volgens bijzondere berichten, heden ontvangen, is in het Kanaal aangekomen het Nederlandse koopvaardijschip MARIA, gezagvoerder Ruurds (opm: fregat MARIE, thuishaven Antwerpen), tijdingen medebrengen van Batavia, tot den 11 november j.l, welke opzichtelijk de staat van zaken op Java, gunstig luiden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brussel, 7 maart. Naar men verneemt, zal Zr.Ms. schip van oorlog de WATERLOO niet naar het Vaderland terug keren om tot verdere reize naar Batavia in staat te worden gesteld, maar zal deze bodem te Sheerness van het nodige tot dat einde worden voorzien, en zullen de troepen aldaar aan boord blijven. Voorts verneemt men, dat eerlang voor de overtocht van de troepen, welke op de WASSENAAR zijn ingescheept geweest, koopvaardijschepen in gereedheid zullen zijn gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

- Amsterdam, 8 maart. Het bevestigt zich, dat het verongelukte schip bij West-Kapelle is de JAVA-PAKET, kapt. Kortkemeijer, van Batavia naar Antwerpen, geladen met koffij. Van de geredde loods, zijnde een Blankenberger-visser, wien de beide benen verpletterd zijn, is men te weten gekomen, dat hij de avond van de 28e februarij aan boord gekomen zijnde om het schip te Vlissingen binnen te brengen, hetzelve niet te wel wilde sturen, waarom de kapitein een tweede man aan het roer plaatste; dat hierop de volgende ochtend te 10 uren in het nauwste van het gat de stuurreep brak, hetgeen ten gevolge had, dat het schip uit het roer liep, en, eer het roer gevangen was, stootte; dat men hierop het anker liet vallen, met een vol touw daarvoor, doch hetwelk niet wilde houden, zijnde denkelijk door het schip aan stukken gestoten; na dat men, almede te vergeefs, zulks met het tweede anker beproefd had, werd het volk van het voorschip weggespoeld en het schip, reeds des middags te 12 uren, geheel verbrijzeld, waarbij alle de aan boord zijnde personen, ten getale van 30, bestaande in 23 man equipagie en 7 passagiers, waaronder de heren Dozij en van den Graaf, gedeputeerden der Raden van Indiën, nog twee aanzienlijke heren en een jonge jufvrouw omkwamen, uitgezonderd 6 man, die zich met de loods op de mast, waar een stuk van het schip aan vast was, bevonden, doch die, daar het stuk van het schip nabij het strand vast en onderst boven geraakte, doordien zij vastgebonden waren, mede alle moesten verdrinken. Er zijn vele goederen en, zo men zegt, ook drie lijken op het strand geworpen.
-
- AC 140327
- Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.
- Vaart tussen Amsterdam en Hamburg.
- Het gekoperde Nederlandse stoomschip WILLEM DE EERSTE, gevoerd door kapt. J. van den Oever, groot circa 600 tonnen, expresselijk voor deze dienst alhier vervaardigd, en op de meest zorgvuldige wijze tot een veilige en gemakkelijke overtocht voor passagiers, en behoorlijke berging voor 60 à 70 last goederen ingericht, zal op zaterdag de 31e dezer maand deszelfs eerste reis naar Hamburg ondernemen en voortgaan, zolang het seizoen dit zal toelaten, regelmatig de ene zaterdag van Amsterdam en de daaraanvolgende zaterdag van Hamburg vertrekken. Dit schone vaartuig, voorzien van twee stoomwerktuigen van lage drukkking en 120 paardekracht, heeft de meest voldoende proeven van een snelle vaart gegeven en kan in dat opzicht, zowel als ten aanzien van deszelfs fraaie bouw en inwendige inrichting, met de beroemdste vaartuigen van dien aard wedijven. Hetzelve heeft drie kajuiten: een dames-kajuit, een grote kajuit en een voor-kajuit, en biedt aan een zeventigtal passagiers, waarvoor vaste slaapplaatsen zijn vervaardigd, en wel voor de eerste plaats of grote kajuit in afzonderlijke hutten of kamertjes een alleszins veilige, aangename en gemakkelijke passage aan.
- De vrachten voor passagiers zijn bepaald op: 1e kajuit per persoon NLG 60, met de tafel; 2e kajuit per persoon NLG 40, zonder voeding, varensgezellen per persoon NLG 15, zonder voeding. Wordende aan een familie, zo ook aan twee of meer personen te gelijk passage nemende, een vermindering van NLG 10 op de eerste en NLG 8 op de tweede plaats per persoon toegestaan.
- Verdere bepalingen, zo ten opzichte der passagiers als ten aanzien der vrachten voor goederen, welke zeer billijk gesteld zijn, en de verzekering op dezelve, welke, des kiezende, door de directie voor de maand april tegen ½ pCt. (opm: zeer slecht leesbaar, kan ook ⅛ pCt. zijn) per reis wordt gedaan, zullen eerstdaags bij een uitvoerige vrachtlijst worden bekend gemaakt, terwijl inmiddels informatiën te bekomen zijn zowel bij de directie der Maatschappij op de Kalkmarkt no. 54, als bij de cargadoors de Wed. Jan Salm & Meijer op de Singel bij de Stroomarkt, en Blikman & Co op de Martelaarsgracht en hoek van de Nieuwendijk.
- Vaart tussen Amsterdam en Londen.
- Het gekoperde Nederlandse stoomschip de BEURS VAN AMSTERDAM, gevoerd wordende door kapt. Leopold Heyde, almede expresselijk voor de vaart tussen Amsterdam en Londen alhier vervaardigd en in allen opzichte, zo omtrent de kracht der stoomwerktuigen, bouw en inrichting van het vaartuig, als anderszins, aan het stoomschip WILLEM DE EERSTE gelijk, zal medio april op een nader bekend te maken tijdstip in gemelde vaart worden gebracht.
- De vrachten voor passagiers zijn bepaald op: 1e kajuit per persoon NLG 35, met de tafel; 2e kajuit per persoon NLG 20, zonder voeding, varensgezellen per persoon NLG 9, zonder voeding, terwijl de vrachten voor goederen bij een eerstdaags uit te geven tarief bijkans met de gewone vrachten gelijk gesteld zijn, waaromtrent men nu reeds, alsmede omtrent de assurantie, welke tot gelijke premie als voor Hamburg bepaald door de directie wordt gedaan, informatiën kan bekomen bij meergemelde directie der Maatschappij en bij de cargadoors Nobel & Holtzapffel op de Binnenkant, Jan Corver & Co. op de Buitenkant bij de Kalkmarkt, en Gemmening & Penning op de Buitenkant en hoek van de Schipperstraat.
-
27
Rotterdam, 14 maart. Van Helvoet wordt van den 13 gemeld, dat het schip DOLPHIJN, kapt. C. Prescott, van Charleston, laatst van Cowes, na visitatie van quarantaine is ontslagen; nog arriveerde ALMAAR, kapt. J. Heath, van Londen. Den 12, des namiddags, arriveerden DE TWEE GEBROEDERS, kapt. R. de Vries, BUITEN VERWACHTING, kapt. C. van der Plas, van Londen; DE VROUW JOHANNA, kapt. W. Regoor, van St. Ubes. Den 13, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis het schip INDUSTRIE, kapt. D.J. Bulsing, van Batavia, laatst van Portsmouth.


15 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 maart. Den 13, des namiddags, arriveerde in de Maas de HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk, van Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 maart. Te Antwerpen zijn gearriveerd EDWARD EN LOUISA, kapt. Dirksens, van Sevilie; JONGE JAN SCHOON, kapt. Schoon, van Havre; ELISA, kapt. Renken, RUBBENS, kapt. Lange, van Londen; FANNY, kapt. Van der Zweep, van Ile-de-France; JOANNA ELISABETH, kapt. Mesdagh, van Charlestown.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 maart. Den 7 dezer is met assistentie van de Vlierede naar de rede van Terschelling gebracht het schip CARL JOHAN, kapt. Karesen, met verlies van ankers en touwen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 maart. Het schip (opm: brik, thuishaven Antwerpen) PALMIRA, kapt. C. de Vos, van Charlestown (opm: Charleston, South Carolina) naar Antwerpen, is, volgens bericht van Vlissingen van den 7 dezer, na aldaar voor de rede geweest te zijn, door het slechte weder naar Rammekens verslagen en aan de grond geraakt; hetzelve is, de ankers en touwen verloren hebbende, van andere voorzien geworden, in de hoop van het met de vloed weer af te brengen; hetzelve maakte enig water, doch zou daardoor niet verhinderd worden, om te Vlissingen binnen te komen. Volgens brief van den 10 dezer was het schip nog niet vlot, maar door de zware stormen van den 8 en 9 dito hoger tegen de dijk geworpen. (opm: zie o.a. RC 120427)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 maart. Volgens brief van kapt. C. Meijer, voerende het schip DE VROUW ANTONIA, van Cette naar Amsterdam, was bij den 4 dezer, des avonds, te Cowes binnengelopen, na met de vreselijkste stormen te hebben geworsteld; hij had omtrent 1 el 4 palmen 1 duim en 6 strepen water in het schip, deszelfs gehele halfdek was ontzet en ging circa 1 palm en 3 strepen over en weer, de kluiverboom en een of twee balken waren gebroken, de kluiver verloren en meer andere schade veroorzaakt. Omtrent denzelven tijd waren aldaar nog zeven schepen binnengelopen, allen in bijna gelijke omstandigheden. Gemelde kapt. C. Meijer was den 7 dezer bezig met lossen, zo als ook de insgelijks te Cowes binnengelopen schepen BETSEY, kapt. H.N. Hener, van Bahia, SOPHIA, kapt. L.H.D. Doorman, van Havannah, beiden naar Hamburg. De schepen CATHARINA ANNA HELENA, kapt. F. Groen, DE VROUW CORNELIA, kapt. D. Steenveld, WILHELMINA, kapt. M. Spreeuw, zouden den eersten februari en de schepen SOPHIA MARIA, kapt. G.I. Roperhoff, DE KOLONIST, kapt. L. Wildschut, in dezelfde maand van Suriname vertrekken, allen naar Amsterdam gedestineerd.
-
- RC 150327
- Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
- Naar Suriname, mede voor passagiers: het tweedeks gekoperd fregatschip VIER GEZUSTERS, kapt. Willem Landzaad (opm: kapt. Cornelis van Zameren).
- Naar Suriname, mede voor passagiers, het nieuwe tweedeks, met zink gedubbeld brikschip NIJVERHEID, kapt. L. Heijkoop.
- Te Antwerpen ligt in lading naar Rio Janeiro, mede voor passagiers, het Nederlandse, nieuw gekoperd, brikschip de NEDERLANDER, kapt. E. Mazens, om voor of op de 24e dezer te vertrekken.
- Adres Hudig & Blokhuyzen te Rotterdam.
-
RC 170327
Rotterdam, 16 maart. Den 14 des namiddags arriveerde te Helvoetsluis het schip HET VERTROUWEN, kapt. B.J. Bakker, van Bordeaux; dezelve rapporteert, dat hij den 14 dezer voor de wal gepraaid heeft NEERLANDS KONING, kapt. K.P. Schinkel, komende van Batavia.
Den 15, des namiddags arriveerden te Helvoetsluis de schepen MARIJ, kapt. F. Maijo, van Petersburg in Virginia, V.S.; DE HOOP, kapt. J.G. Patje van Cette; REGENT, kapt. J. Morris, van Suriname.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 13 maart. Uitgezeild de JONGE BAREND (opm: kof), kapt. B.R. van Wijk naar New York.


17 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Den 15, des namiddags arriveerde in de Maas DE ONDERNEMING, kapt. H. den Breem, van Messina.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Den 15 zijn van Antwerpen de Schelde afgekomen en naar zee gezeild:
DE JONGE JOHANNA, kapt. J.B. van Puyvelde, naar Londen; AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, naar Liverpool; DE JONGE AUKE, kapt. H.H. Krull en LAURA, kapt. C. Biebach, naar Leith; DE JONGE CAMILLE, kapt. J. Walters, naar Londen; DE TWEE BROEDERS, kapt. J.K. Potjewijd, naar Topsham.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Volgens ontvangen brief van kapt. C. Swaan, voerende het Nederlandse schip IDA ALEIJDA, van 3 en 14 november 1826, van Canton, was hij den 15 september van Batavia gezeild, had veel storm en hoge tegen elkander lopende wilde zeeën doorstaan, was den 16 oktober ter rede van Macao en den 20 dito ter rede van Whampoa aangekomen, had zijn ballast reeds aan boord, doch stelde zich niet te min voor, dat het mogelijk wel januari zou worden, eer hij geëxpedieerd werd; het schip en de equipage waren in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Volgens brief van Paramaribo, van den 31 januari, was het schip DE ANNA EN MARIA, kapt. R.T. Rinses, den 22 dito van Amsterdam aldaar gearriveerd, na alvorens in de rivier de Marowijne op een bank de loze kiel, het roer en enig koperwerk afgestoten te hebben, nadat een gedeelte van de lading en van de stenen overboord geworpen was, om het schip te lichten en in vlot water te brengen; het vertrek van gemeld schip uit de kolonie zou in maart plaats hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Het schip ST. NICOLAAS, kapt. O. Olferts, was den 1 februari te Cefalonia bezig met een lading voor Antwerpen of Amsterdam in te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Volgens de laatste berichten van Port Mahon waren aldaar aangekomen Zr.Ms. oorlogsbrik DE PELIKAAN – deze was vandaar naar Smyrna vertrokken – en Zr.Ms. oorlogsfregat KENAU HASSELAAR, ten einde Zr.Ms. oorlogsfregat RUPEL af te lossen, en waren te Port Mahon liggende Zr.Ms. oorlogsschip HOLLAND en de brik DE GIER. Zr.Ms. oorlogskorvetten PROSERPINA en HEKLA kruisten in de Levant.


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 15 maart. Op het ogenblik; zegt het ’s Gravenhaagse Dagblad, wordt ons van Scheveningen, de navolgende brief van de heer P. Varkevisser toegezonden:
Heden morgen, ten 10 ure, was hier voor de wal een Nederlands koopvaardij fregatschip. Op verzoek van de kapitein, zijn één mijner schippers en een matroos aan deszelfs boord gegaan, ter assistentie, om hetzelve in de Goeree binnen te brengen. Volgens rapport der vissers komt de bodem van China, is geladen met thee en heeft 114 dagen reis. Aan boord was alles wel. Door de hoge zee en de grote spoed heeft men geen nauwkeurig bericht
kunnen inwinnen, daar men dadelijk koers naar zee zettende, om het van de wal af te houden. Zonder tegenspoed denkt men, dat voornoemd schip morgen namiddag in de Goeree zal kunnen binnenlopen. Men vermoedt, dat deze bodem het nieuw gebouwde schip van de heer Hoboken is, NEERLANDS KONING genaamd, hetwelk de 18e november Canton verlaten heeft.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoijman, G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J. van Ravan, H.J. Rietveld en J. Jansen, makelaars, zullen op maandag de 26e maart 1827, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, verkopen: een extra ordinair welbezeild gekoperd fregatschip, genaamd MARGARETHA JOHANNA, gevoerd bij kapt. A.A. Herman, lang 28 ellen 80 duimen, wijd 7 ellen 35 duimen, hol 3 ellen 50 duimen, tussen deks, 1 el 72 duimen, alles Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de makelaars.
(opm: de zeebrief werd op 6 april ingeleverd ‘zullende hetzelve worden gesloopt’.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Op de 26e maart aanstaande zal te Samarang per publieke vendutie aan de meestbiedenden worden verkocht de gekoperde, welbezeilde schoener JOANA THEODORA, groot 27 lasten, met dies complete inventaris, dewelke ter rede is liggende, te bevragen bij C. Klein Jr.
Samarang, 28 februari 1827.


20 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Volgens particulier bericht is den 14 dezer nog in Texel binnengekomen het schip FLORA, kapt. H.A. Klein, van Bordeaux naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Kapt. M. Spreeuw, in Texel binnen van Suriname, bericht dat den 1 februari van daar gezeild zijn de schepen DE MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, naar Rotterdam en CATHARINA ANNA HELENA, wijlen kapt. F. Groen en DE KOLONIST, kapt. L. Wildschut, beiden naar Amsterdam, welke laatste door hem gepraaid is den 15 dito op 31 gr. 49 min. Noorderbreedte, 53 gr. 52 min. lengte West van Greenwich, zijnde toen aan boord alles wel.
Alsmede dat den 3 dito zouden volgen het schip SOPHIA MARIA, kapt. G.L. Röperhoff, en den 10 dito de schepen ANNA MARIA, kapt. J.D. Haijnes, PAULINA, kapt. A.J. Struik, SUSANNA MARIA, kapt. J.F. Spiegelberg, DE VROUW CORNELIA, kapt. D. Steenveld en GODEFRIDA, kapt. A. Hansen, allen naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Kapt. H. Bandix, voerende het schip DE VROUW THEODORA, van Antwerpen naar Amsterdam, te Zierikzee binnen, meldt van daar van den 8 dezer, dat hij de volgende dag de reis dacht voort te zetten, als zijnde de rivier toen eerst vrij van ijs geworden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Kapt. O. Olferts, voerende het schip ST. NICOLAAS, meldt van Cefalonia, van den 1 februari, dat hij de volgende dag de reis naar Rotterdam dacht aan te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 maart. Kapt. C. Riekels, voerende het schip DE ZEEUW, van Middelburg den 26 september te Canton gearriveerd, hoopte met de helft van december de terugreis aan te nemen; het schip en de equipage waren in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Den 16 des namiddags arriveerde te Helvoetsluis het schip NEERLANDS KONING, kapt. K.P. Schinkel, van Canton in China, zijnde den 19 november van Macao vertrokken en hebbende den 11 december Anjer, op het eiland Java aangedaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Te Antwerpen zijn gearriveerd CLAZINA, kapt. Schipper, van Nantes; REBECCA, kapt. Anderson en VROUW GEZINA, kapt. Baas, van Hull; HERCULES, kapt. Ulrich, GEERTRUIDA, kapt. Laurentzen, JONGE CESAR, kapt. Schalk en CATHARINA JOSEPHINA, kapt. Muntendam, van Londen; MARIA SOPHIA, kapt. Toestad van Zante; NOORD HOLLAND, kapt. Rotgans, van Malaga; JONGE WILLEM, kapt. Jobs, van Marseille; ELIZA, kapt. Beekmans (opm: fregat ELISA, thuishaven Antwerpen, kapt. J.E. Beeckman), van Batavia; WILLEM DE EERSTE, kapt. Langethee, van Rio de Janeiro; JONGE HORTENSE, kapt. J.H. Arends, van Messina en CONSTANCE, kapt. P. van den Kerckhove, van Noirmontier.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Uittreksel uit de Lloyd’s Lijst van den 13 maart:
DE VROUW JOHANNA, van Bordeaux naar Amsterdam, onlangs bij Birling Gap gestrand, is den 10 maart afgebracht en te Newhaven binnengesleept.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 15 maart. Men verzekert, dat de heer Imbyze van Batenburg weldra met een detachement troepen, voor de Oost bestemd, naar de WATERLOO zal vertrekken, om de zieke en ontbrekende manschappen aan te vullen.
Op voorstel van burgemeester en wethouders, is door de raad dezer stad besloten, aan de negen en veertig manschappen, welke op de eerste uitnodiging van het collegie van burgemeesteren en wethouders henen gesneld zijn, om Zr.Ms. schip de WATERLOO, bij Borkum, de vereiste hulp aan te brengen, en zich hiertoe, in het Nieuwe Diep, gesteld hebben ter beschikking van de marine, toe te leggen een buitengewone premie van vier honderd negentig gulden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris N. Meijer, te Bolsward, zal publiek bij verhooggeld, aan de meestbiedende presenteren te verkopen een huizinge, schuur en erve, benevens een scheepstimmerwerf, en verdere annexen, staande en gelegen staande aan de Groote Zijlroede te Makkum, en aldaar gekwoteerd letter D, no. 349, den 12 mei 1827, vrij te aanvaarden. Wie gading maakt, komt op maandag den 26 maart 1827, bij den finale palmslag, des namiddags ten 3 uren, in het logement De Prins te Makkum, en koopt op alsdan voor te lezen condities.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, bij Harmen Teunis Veenstra, Veenbaas te Oudega in Smallingerland een heel hecht schuiteschip, à 12 ellen 354 strepen lang, 2 ellen 698 strepen wijd, hol naar rato, met zeil en fokken, touwen en blokken, haken en boomen, en alles wat bij hetzelve meer is gebruikt en bevaren; de condities bij bovengemelde eigenaar van stonden te vernemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een helling en huizinge, te Sneek, te huur of te koop. Adres bij A. Groenhof, buiten de Oosterpoort te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris W.K. Hoekstra, te Wommels, zal op zaterdag de 24e maart 1827, des namiddags ten 2 uren, ten huize van Willem Lammerts de Roos, te Wommels, publiek verkopen een hecht en welbezeild aardappel-snikschip, voorzien van roef en luiken, overdekt, de HOOP genaamd, groot 6½ ton; door Geert Jans van der Vliet en vrouw bevaren, thans liggende te Wommels; en zulks met zeil en treil, bomen, haken enz., daartoe en aanbehorende.


21 maart 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Vlissingen, 17 maart. De Nederlandse brik PALMIRA, kapt. C. de Vos, van Charlestown (opm: Charleston, South Carolina) naar Antwerpen bestemd, met katoen en rijst, is met verlies zijner ankers hier binnengevallen en met het van Rammekens af te houden op de Kaloot omhoog geraakt (opm: zie o.a. RC 150327 en 120427); men heeft dus een aanvang gemaakt om hetzelve te lichten, door het lossen van enige goederen.
De brik PALMIRA, waarvan hierboven is gesproken, was gisteren morgen nog steeds op de bank de Kaloot vastzittende, zijnde door de zware storm van de vorige nacht die bank opgestuwd; het tuig was over boord en alzo de storm bleef aanhouden was er niet veel hoop om dezelve te kunnen afbrengen. (opm: het schip ging inderdaad verloren)
Volgens zeker bericht, heden ontvangen, had de equipage voornoemd de brik verlaten; dezelve zit nog even als gisteren, men had echter een gedeelte van de lading geborgen.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 14 maart het schip FREDERIK, kapt. J. Brand, met vier passagiers en Zr.Ms. troepen, den 18 november vertrokken van Antwerpen.


22 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Het schip ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, van Rotterdam naar Batavia, te Harwich binnengelopen, heeft de 10e maart de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Het schip (opm: brik, thuishaven Antwerpen) l’AIMABLE PAULINE, kapt. L.J. Luijtjes, van Havanna naar Antwerpen, te Douvres (opm: Dover) binnengelopen, heeft de 12e maart de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Het schip PHILIP, kapt. W. Baartscheer, van Baltimore naar Amsterdam, was de 7e maart ter hoogte van Dartmouth, zijnde 22 dagen onmderweg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Volgens brief van kapt. K.IJ. Parma van het schip NICOLAAS JOHANNES, van Oléron naar Amsterdam, lag hij de 9e maart nog onder het Brandeiland (opm: Burntisland). Het was wegens stormweder niet mogelijk om van daar te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
- Naar Suriname, het Nederlandse brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulis Rijnbende.
- Naar Smyrna, het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. Anne Glazener, om den 15 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Bordeaux, het Nederlandse kofschip HOOP, kapt. Kempe Zacharias Schut, om den 31 maart te vertrekken.
- Naar Liverpool, het Nederlandse kofschip DE VROUW IKINA, kapt. Gerrit Jans Postema.
- Naar Rochefort en Rochelle, het Nederlandse smakschip HERMINA, kapt. A.J. Hubert; ligt
gereed.
- Naar Bayonne, het Nederlandse smakschip DE MEELZAK, kapt. Jan Hermanus Witteveen;
ligt gereed.
- Naar Elseneur en Koningsbergen, het Nederlandse smakschip DE DAGERAAD, kapt. Pieter Hendriks Hazewinkel.
- Naar Petersburg, het Nederlandse smakschip HERSTELLING, kapt. Wolter Alberts Smit, om met de eerste schepen te vertrekken.
- Naar Stettin, het Nederlandse schip (opm: hektjalk) DE JONGE WILLEM, kapt. Egbert Willems Brink.
- Naar Bergen in Noorwegen, het Nederlandse galjootschip MAARTINA ALETTA, kapt. Jan
Gerrits Hoetjer.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Den 20 is van Helvoetsluis DE VROUW LEMMEGINA, kapt. J.B. Goosens, uit de haven naar boven gezeild.
Den 20, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis DE VRIENDSCHAP, kapt. T.G. van Rhijn, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Den 18 dezer is op het Goerese strand geraakt de Engelse brik WOODBINE, kapt. W. Ward, van Teignmouth naar Hamburg gedestineerd; de manschappen van hetzelve zijn gered en op Goedereede gebracht door de reddingboot van de Zuid-Hollandsche Reddingmaatschappij te Rotterdam; zijnde de sloep en boot van het schip door de zware branding weggeslagen en verbrijzeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Volgens brief van de Consul der Nederlanden, residerende te Duinkerken, in dato 17 maart, was het schip DE LEMMER, kapitein Tammes, gereed om met de eerste gelegenheid te zeilen naar Antwerpen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 maart. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 16 maart:
De lading van de OSIRIS, kapt. Schaken, van Pernambuc naar Antwerpen, is te Scilly met zeer veel schade gelost. Enige van de kisten suiker waren geheel ledig gespoeld.


23 maart 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ministerie voor de Marine en Koloniën. De Minister voor de Marine en kolonien brengt hiermede ter kennis van het publiek, dat, naar aanleiding van het bestaande reglement voor de Paketvaart, daargesteld bij Koninklijk Besluit van de 21e juni1825, tegen het einde van de thans lopende maand te Hellevoetsluis, in gereedheid zal zijn, om onder het bevel van de luitenant ter zee van de eerste klasse Moll, de reize naar Suriname en Curaçao aan te nemen, Zr.Ms. stoom-paket CURAÇAO, groot circa 430 tonnen, voorzien van twee stoom-werktuigen, ieder van vijftig paardekrachten, welk vaartuig bijzonder geschikt en ingericht is tot vervoer van passagiers, brieven en gelden, zullende de juiste dag van vertrek nader worden aangekondigd, terwijl inmiddels de genen, welke van die gelegenheid verlangen gebruik te maken, om als passagiers naar Suriname of Curaçao te worden overgevoerd, zich tot dat einde vooraf zullen moeten aanmelden aan de Directie der Marine te Rotterdam, door welke te dien aanzien de nodige informatiën zullen gegeven worden, terwijl voorts deswege, alsmede wegens de verzending van brieven, de nodige informatiën voorlopig kunnen worden ingewonnen bij de respectieve Directeuren der Postkantoren in de verschillende gedeelten van het Rijk.
’s-Gravenhage, de 16e maart 1827, de Minister voornoemd, Elout.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.E. van Loon, te St. Anna Parochie, zal ten verzoeke van de heer S.B. Stienstra, procureur te Leeuwarden, op maandag de 26 maart 1827, des middags ten 12 uren, in de herberg te St. Anna Parochie, bij provisionele palmslag verkopen vier aandelen of de helft in het geoctrooieerde Veer, van St. Anna Parochie, en twee open Snikschepen, beide in beste staat, met alle toe- en aanbehoren, doende ieder aandeel jaarlijks NLG 52 huur; vrij te aanvaarden op den 12 mei 1827.
(toevoeging LC 030427: waarop in 4 percelen geboden is de geringe som van NLG 655)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. P. Andreae, notaris te Leeuwarden, zal op zaterdagen de 7e en 14e april 1827, telkens ten 2 uren namiddags, bij den provisionele en finale palmslag, ten huize van de weduwe Rinse Gerben Poortinga, aan den Trekweg onder Wanswerd, verkopen de helft in een Veerschip, van Wanswerd op Leeuwarden en Dokkum, et vice versa, met aanbehoren, thans door Jan Sijbrands Douma, wordende bevaren, dadelijk na den finale palmslag te aanvaarden.
Biljetten zijn te bekomen en de condities te vernemen bij de notaris.


24 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 maart. Den 20 des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis het schip DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Marennes.
Den 22 dito, DE JONGE GERRIT, kapt. L. Hus, van Fécamp.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 maart. Te Antwerpen zijn gearriveerd: TWEE VRIENDEN (opm: schoener), kapt. T. Hamilton, ELIZA, kapt. Jacometti (opm: brik ELISA, kapt. T. Azon Jacometti) en AIMABLE PAULINE (opm: brik), kapt. L.J. Luijtjes, van de Havannah; JULIA, kapt. Visser, VROUW HENDRINA, kapt. van den Oever en VROUW JANETTE, kapt. Roos, alle van Londen; ELEONORA, kapt. G.M. Schippers (opm: kof, thuishaven Oostende), van Liverpool; FORTUNA, kapt. Schalbourg, van Triest; MARIA, kapt. Baijles, van Rio de Janeiro; DE LEMMER, kapt. Tammes, van Cette.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 maart. Uittreksel uit de Lloyd’s Lijst van den 20 maart:
DE KOLONIST (opm: pink), kapt. L. Wildschut, van Suriname naar Amsterdam en OROMASE (opm: brik), kapt. R. Rolufs, van Batavia naar Antwerpen, te Cowes binnen, zijn begonnen te lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. van Nulck, J.E. Lublink, J. Verbrugh, J. Corver, H. Smit, H. Gullen, N.J. Lublink en B. Verbrugh, makelaars, zullen op maandag den 26 maart 1827, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stadsherberg, aan het IJ, verkopen: Een extraordinair welbezeild smakschip genaamd JAN EN JACOBUS, laatst gevoerd door kapitein Jan Salings Okkes; lang 21 ellen 80 duimen; wijd 4 ellen 90 duimen; hol 2 ellen 40 duimen, Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars en bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Cargadoors.
Blijvende dit schip inmiddels uit de hand te koop.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. van Nulck, J.E. Lublink, G.J. Roland Holst, J. Verbrugh, F. der Kinderen, P. Bel, J. Boelen en N.J. Lublink, makelaars, zullen op maandag den 26 maart 1827, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stadsherberg, aan het IJ, verkopen: Een extraordinair welbezeild galjootschip (opm: kof) genaamd DE VLASHANDEL, gevoerd door kapitein H.E. Bijl; lang 26 ellen 47 duimen; wijd 6 ellen 30 duimen; hol 3 ellen 11 duimen, Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars en bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Cargadoors. Blijvende dit schip inmiddels uit de hand te koop.
(opm: in de veiling werd voor NLG 5.550 kapitein Thomas Lange, Amsterdam de koper, die de kof als CATHARINA naar zee bracht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.E. Lublink, F. der Kinderen, H. Gullen, J. Boelen H.J. Rietveld, G.W. Sesink Clee, N.J. Lublink en C.A. Schröder, makelaars, zullen op maandag den 26 maart 1827, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stadsherberg, aan het IJ, verkopen: Een extraordinair welbezeild kofschip genaamd DE VROUW ANNA, gevoerd door kapitein Jan Meijer; lang 23 ellen 36 duimen; wijd 5 ellen 24 duimen; hol 2 ellen 47 duimen, Nederlandse maat. Breeder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars en bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Cargadoors.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De Schout bij Nacht, commandant en directeur van Zijner Majesteits Zeemacht in Oost-Indië, brengt bij deze ter kennis van alle belanghebbenden, welke bij Gouvernements besluit gerechtigd zijn om met Zijner Majesteits korvet POLLUX te repatriëren, dat die bodem op den 25 maart aanstaande gereed zijn zal, om de reis naar Nederland aan te nemen.
Batavia, den 16 maart 1827, de Schout bij Nacht voornoemd, J.J. Melvill van Carnbee.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De Schout bij Nacht, commandant en directeur van Zijner Majesteits Zeemacht in Oost-Indië, maakt hiermede bekend, dat ingevolge daartoe ontvangen autorisatie bij Gouvernements besluiten van den 14 dezer no. 1 en 9, op woensdag den 11 april aanstaande, aan 's Lands werf te Soerabaija, ten overstaan van de haven- en equipagemeester aldaar, publiek aan de meestbiedende ter sloop zal worden verkocht, de romp van Zr.Ms. Nederlands korvet AREND, mitsgaders die van Zr.Ms. Koloniale roei- en kanonneerboot No. 16, zo als dezelve zijn liggende ter rede en in de rivier van Soerabaija, waaromtrent nadere berichten ten kantore van de haven- en equipagemeester voornoemd kunnen worden ingewonnen.
Batavia, den 16 maart 1827, de Schout bij Nacht voornoemd, J.J. Melvill van Carnbee.


27 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Curaçao het met zink beslagen pinkschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om de 25e april a.s. te vertrekken. Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam & Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Van goeder hand hebben wij vernomen, dat Zr.Ms. WATERLOO weldra gereed zal zijn om weder zee te kunnen kiezen en in het begin van mei de reis naar Java voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Den 24, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis: de EDINA, kapt. R. Cant, van Leith.
Den 25, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis: DE JONGE ELIZABETH, kapt. K. Noordbeek, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Den 24, des namiddags arriveerden in de Maas: DE HOLLANDER, kapt. H. van der Kolff, van Nantes en DE JONGE GERRIT, kapt. C.L. Klok, van St. Vallen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Het schip PHILIP, kapt. W. Baartscheer, van Baltimore naar Antwerpen, is den 13 dezer door twee visserlieden in het Vriesche Gat binnen gebracht, alwaar hetzelve in de orkaan van den 18 dito, met beide ankers op het strand is gedreven; de equipage is aan de wal gekomen en men hoopte bij bedaard weer een gedeelte van de lading te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Het everschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. H. Mählman, van Amsterdam naar Hamburg, is den 10 dezer, met gekapte masten en andere schade, door assistentie van loodsschuiten, op goede mannen zeggen, (waarvoor NLG 150 zijn toegekend geworden) te Harlingen binnengebracht. Volgens nadere brief van Harlingen, in dato 21 dezer, zou de lading, die men vreesde insgelijks beschadigd te zullen zijn, gelost worden om te repareren, waarmede men alle mogelijke spoed zou maken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. De Nederlandse tjalk DE WELDAAD, kapt. W.J. Stuit (opm: Willem Jans Stuut), met stukgoederen van Amsterdam naar Hamburg, is den 10 dezer bij het dorp Midsland op Terschelling gestrand; de lading, waarvan reeds een gedeelte geborgen is, zal waarschijnlijk geheel geborgen worden, doch het schip denkelijk niet af te brengen zijn; men was ook bezig de tuigage te bergen. (opm: het schip werd geborgen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Door de loodsen van Terschelling is, op een buitenbank noordwaarts, ontdekt een Deens jachtschip genaamd FREDERIKA, kapt. L. Madsen, waarbij 3 lijken gevonden zijn; hetzelve lag ondersteboven en van de lading, uit wol en huiden bestaande, zijn slechts enige balen wol door de loodsschuiten kunnen geborgen worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Van Den Helder wordt van den 22 maart gemeld, dat men vreesde dat aldaar op de kust een schip zou verongelukt zijn, alzo bezuiden Kijkduin de spiegel van een schip was aangespoeld, waarop echter geen naam zichtbaar was; ook had men een nieuwe fokkenmast opgevist.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 maart. Aangaande de brik PALMIRA, kapt. C. de Vos, van Charleston naar Antwerpen, wordt in een nadere brief van Vlissingen van den 19 dezer gemeld, dat de equipage, die hetzelve verlaten had, na twee uur met groot gevaar over de banken gegaan te zijn, het land van Goes had bereikt; een boot met volk door de correspondent te Vlissingen afgezonden, had van het schip en de lading bezit genomen tot welker bewaring een hond aan boord gebleven was; zo ver men ontdekken kon waren twee lasten rijstvaten droog gebleven, doch van de gesteldheid van de derde last was nog niets bekend; er waren toen 58 balen katoen en 53 vaten rijst in een lichter geborgen en daar het water als nu bedaard was, twijfelde men niet of ook het overige van de lading zou, benevens een gedeelte van de inventaris, gered worden. (opm: zie RC 150327, AC 210327, RC 120427, 050427, 120427 en 170427)


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. G. Duuring, D.H. Joosten, H.W. Wachter, P.W. Halberstadt, G.J. Zompoli, J.C. Mijnssen, J.J. Verhoeff en G. Duuring junior, makelaars te Rotterdam, als last hebbende van hun meester, zullen, ten overstaan van de heer griffier van de rechtbank van koophandel, na gedane aangifte conform de wet, op dinsdag de 27e maart 1827, des voormiddags ten elf ure, in het notarishuis op de Geldersche kade, publiek presenteren te verkopen: 60 vaten nieuw zwart en 220 vaatjes dito rood rozijn, 450 kistjes nieuwe vijgen, alhier aangebracht per het schip DE JONGE MARIA, kapt. C. Tevez, van Smirna en 195 hele en 7 halve boten nieuwe Zantische krenten, alhier aangebracht per het schip DE JONGE HENDRIKA, kapt. A. Plug, van Cefalonia en dat bij de kavelingen zo als die zijn liggende, als nader bij notities zal worden aangewezen. Nadere onderrichting bij bovengemelde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 21e maart. De commissie van hoofd-officieren der zeemacht, door Z. M. benoemd om onderzoek te doen naar de oorzaken der ongelegenheden, welke de schepen, bestemd tot den vervoer van troepen naar Java, zijn overgekomen, is sedert een paar weken alhier werkzaam, en houdt hare zittingen in een der vertrekken, behorende tot het lokaal van de Eerste Kamer der Staten-Generaal alhier.
De schepen welke bestemd zijn om de troepen, gered van het verongelukte schip de WASSENAAR (opm: zie AC 190127), of nog zo vele andere als daartoe bestemd mochten zijn, naar Java te vervoeren, zijn de SUZANNA, de HELENA en de PRINS VAN ORANJE.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 23 maart. In de geweldige noordelijke storm, welke tegen de avond van de 17e maart ontstaan is en tot de volgende namiddag heeft voortgewoed, is bij Zeeburg gestrand ’s Rijks kopjacht BOREAS, tussen Zeeburg en Muiderberg, zouden 5 of 6 tjalken op de wal zitten; ook zoude volgens gerucht een Harlinger beurtschip tussen Muiden en Muiderberg gestrand zijn en 2 en 1 half voet water in hebben.


  LC - Leeuwarder Courant

Arnhem, 21 maart. Bij Hattem is tjalkschip VROUW LOTJE, van Willem Hendriks Wilma, van Ureterp in Friesland, met ener lading hooi en stro, op de rivier den IJssel omgeslagen. Acht mensen zijn hierbij omgekomen, namelijk de vrouw van gemelde schipper, zijne zes kinderen en zijn oude knecht. Zij waren met hem in een boot om zich te redden; dan de boot sloeg om en de schipper alleen mocht ternauwernood het strand bereiken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Die iets te vorderen heeft of verschuldigd is, aan Tjietze J. Scheltens, in leven schipper te Harlingen, wordt verzocht daarvan voor de 1e april e.k., aangifte te doen, aan deszelfs weduwe Grietje Beerends Smit.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 19 maart uitgezeild het sloepschip WALTER MATTHEWS, kapt. James Mouldon; de schoenerschepen HOPE, kapt. W.N. Cousins, PROBITY, kapt. J. Harris, het smakschip de VROUW ANNA, kapt. H.H. Kuiper, alle vier met boter en haver naar Londen; het kofschip WILLEM OLIVIER, kapt. K.P. Faber, met schors naar Liverpool.
De 21 dito binnen gekomen het smakschip de VROUW ANNA, kapt. H.H. Kuiper, uit de Jettin met ziek volk terug. Uitgezeild het tjalkschip EUROPA, kapt. K.J. Scholtens, op avontuur.
De 23 dito uitgezeild het schonerschip VICTORY, kapt. R. Rice; het sloepschip MAGNET, kapt. J. Norman, beide met haver naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een welbezeild Blokzijlder jacht, lang over steven 13 ellen 864 strepen, wijd 3 ellen 408 strepen, hol naar advenant, met een behoorlijke inventaris, zoals dezelve bij ondergetekende is bevaren, en bij hem zelven is te bevragen.
Hindelopen, 24 maart 1827, Tonis Fransen de Jong.


29 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Heden is alhier op ’s Konings werf gelukkig van stapel gelopen Zr.Ms. brik ECHO, van 18 stukken. Aan de kraanbalken van dit schip is gevoegd het ankerslot, door de heer W. van Houten Jr. uitgedacht, waardoor het anker op een veiliger, zekerder en spoediger wijze valt dan thans in gebruik is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Men verneemt dat bij het Ministerie van Marine en Koloniën een bericht is ontvangen van de kapitein ter zee Lucas, commanderende het met troepen naar de Oost-Indië bestemde linieschip van oorlog DE ZEEUW, in dato den 31 januari van dit jaar, als wanneer hetzelve, na den 18 bevorens van onder Wight gezeild te zijn, bij het eiland Teneriffe in een zeer goede staat was aangekomen, dat alles aan boord zich wel bevond; zijnde alleen een matroos door het vallen uit de mars overleden en waardoor een flankeur zwaar was geblesseerd geraakt. Volgens gemelde kapitein ter zee bestaat het vooruitzicht, deszelfs reis verder te zullen vervolgen en zijn bestemming te bereiken, zonder enige andere haven te behoeven aan te doen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Den 27 maart, des morgens zeilden vanuit Helvoetsluis: DE VLIJT, kapt. E.E. de Vries, naar Belfast; MARIA, kapt. J. Sikkes, naar Newry; ELIZABETH EN CORNELIA, kapt. J. Parlevliet, naar Newry; DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrik, naar Dantzig.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Den 27 maart, des morgens zeilden uit de Maas: DE VROUW PETINA, kapt. K.D. Mulder, naar Londen; DE CONCORDIA, kapt. H.E. Sleehuijs, naar Noorwegen; DE VOLHARDING, kapt. C. Goederaad, naar Lissabon; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G.E. Jonkers, naar Leith; de MAASSTROOM (opm: pink), kapt. D.J. Cupido, naar Groenland; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. A.J. Onstwedder en DE RESOLUTION, kapt. G.J. de Boer (opm: kof, kapt. G.E. Boer), beide naar Hull; DE JACOBA, kapt. A.K. de Groot en DE VROUW JANTINE, kapt. G.G. Smith, naar Dantzig; DE JONGE ARIJ, kapt. A. den Breem, naar Bergen en DE VROUW CATHARINA, kapt. C.H. Wijkmeijer, naar ….. (niet vermeldt).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Nog zeilde den 27 van Helvoetsluis, na posttijd, DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J. Stornorth, naar de Oostzee; dezelve is onder de Goerese haven ten anker gekomen, en arriveerde DE JONGE ADRIANA, kapt. G.J. Meeuw, van Batavia, laatst van Vlissingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 maart. Te Rotterdam liggen in lading:
- Naar Batavia, het nieuw gebouwd en gekoperd brikschip DE KROONPRINSES, kapt.
Henderik Martinus Heijns, om den 15 mei te vertrekken; hebbende uitmuntende
inrichtingen voor passagiers.
- Naar Curaçao, alsmede voor passagiers, het tweedeks opnieuw met zink beslagen pinkschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om den 25 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Suriname, het Nederlandse brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulis Rijnbende.
- Naar Smyrna, het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. Anne Glazener, om den 15 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Bordeaux, het Nederlandse kofschip HET VERTROUWEN, kapt. Boele Jans Bakker, om den 5 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Liverpool, het Nederlandse kofschip DE VROUW IKINA, kapt. Gerrit Jans Postema, om spoedig te vertrekken.
- Naar Liverpool, het Nederlandse kofschip (opm: schoener hoeker) de HARMONIE, kapt. Jan Rooderkerk.
- Naar Elseneur en Koningsbergen, het Nederlandse smakschip DE DAGERAAD, kapt. Pieter Hendriks Hazewinkel; ligt gereed.
- Naar Petersburg, het Nederlandse smakschip HERSTELLING, kapt. Wolter Alberts Smit, om met de eerste schepen te vertrekken.
- Naar Petersburg, het Nederlandse hoekerschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Govert van
der Borden.
- Naar Stettin, het Nederlandse schip DE JONGE WILLEM, kapt. Egbert Willems Brink.
- Naar Bergen in Noorwegen, het Nederlandse kofschip DE HOOP, kapt. Wouter van der
Horden.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Op den 21 of 22 dezer is bezuiden Kijkduin aan het strand gespoeld het hek of spiegel van een schip, waarop stond SOHO of Hull.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. De lading van de ever DE DRIE GEBROEDERS, kapt. H. Mählman, van Amsterdam naar Hamburg, te Harlingen binnen, is volgens brief van Harlingen van den 24 dezer, bij het lossen bevonden weinig geleden te hebben; de kapitein dacht, dat het schip den 28 van de geleden schade hersteld en gereed zou zijn om de lading weer in te nemen en de reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. Het schip DE VERWACHTING, kapt. J.T. Smith, van Leith den 13 dezer in Terschelling binnen, is in de storm van den 18, voor twee ankers van de rede op de plaat de Amerikaan gedreven, doch de volgende dag door loodsen in het Ras gebracht; hetzelve heeft geen schade bekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 maart. De lading van het op Terschelling gestrande schip DE WELDAAD, kapt. W.J. Stuit (opm: W.J. Stuut), van Amsterdam naar Hamburg, is geheel, doch merendeels nat en beschadigd, geborgen; men hoopte nog het schip af te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening, na gedane aangifte ingevolge de wet op dinsdag den 3 april 1827, des namiddags ten vier ure, in een van de zalen van het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt, publiek te veilen en verkopen: Het schoener-brikschip genaamd ALCIJON, laatst gevoerd door kapt. G.C. Bonne; lang over steven 20 ellen, 6 palmen en 7 duimen; wijd 6 ellen, 5 palmen en 1 duim;en hol 3 ellen en 5 palmen, alles Nederlandse maat, met al deszelfs rondhout, staand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, waarvan de veiling tweeledig zal geschieden en wel, eerstelijk, het schip met deszelfs gehele inventaris ineens en bij elkander en daarna bij kavelingen, zullende het aan de verkopers vrijstaan om de meest opbrengende veiling als verkoop toe te wijzen aan hem of hen, welke het hoogste bod hebben geboden. N.B. Bij het te veilen schip is een zo goed als geheel nieuw stel zeilen.
Het voornoemde schip zal daags vóór en op de ochtend vóór de verkoping door een ieder kunnen worden bezichtigd; liggende aan de zuidzijde van de Punt, het rondhout op de kade over het schip en de verdere inventaris op een zolder op de Punt.
Nadere onderrichting begerende, spreke de bovengemelde makelaars.


30 maart 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 26 maart. Geloofwaardige tijdingen uit Engeland hebben het aangename bericht aangebracht, dat de WATERLOO in de eerste dagen, of uiterlijk in het midden der maand april, reeds in gereedheid zijn zal om zee te kunnen kiezen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop bij S.W. Visser, Mr. Zeilmaker te Lemmer, een hecht en wel betimmerd Tjalkschip, lang over steven 20 Nederlandse ellen en 5 palmen, wijd en hol na rato, in den jaar 1819, aldaar nieuw uitgehaald, en bevaren geweest bij wijlen schipper Roelof Tieden. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Het geoctrooieerde Veerschip, varende van Damwoude op Dokkum en Leeuwarden, vice versa, wordt aangeboden te koop of te huur; te aanvaarden den 12 mei 1827. De condities zijn te vernemen te Dokkum bij den ondergetekende.
B. van Steenwijk.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris H. Cannegieter, te Grouw, gedenkt, na bekomen authorisatie van de Rechtbank van Eersten Aanleg te Sneek, en ten overstaan van den heer Vrederechter van het kanton Rauwerd, op donderdagen den 12 april 1827, bij de beschrijving; ten huize van Jacob Arends de Jong, kastelein in het Wapen van Idaarderadeel te Grouw, en op 26 dito, bij den provisionele en finale palmslag, ten huize van Jan Oeges Bakker, in het Koffiehuis te Grouw, telkens des avonds ten 5 uren, publiek bij strijk en verhooggeld aan den meestbiedende presenteren te verkopen een huis, erf, hieminge, schuur en scheepstimmerhelling, staande en gelegen buiten de Buren bij den dorpe Grouw, en aldaar gekwoteerd met no. 96 A, bij Hubert Ates Westerhuis in huur.


31 maart 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.
Het stoomschip WILLEM DE EERSTE, voorzien met stoomwerktuigen van 120 paarde-kracht, vertrekt zaterdag de 31e maart 1827, des morgens ten 5 ure, van Amsterdam naar Hamburg. Een meer omstandig bericht is te vinden in de Amsterdamsche Courant van de 14e dezer en in de Haarlemsche Courant van de 17e dezer; zijnde nadere informaties te bekomen ten kantore der directie, Kalkmarkt, n.º 54, te Amsterdam.


03 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Den 30 passato, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis het schip MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, van Suriname.
Den 31 des namiddags arriveerde ELIZE, kapt. E. Light van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Den 31 passato arriveerde in de Maas de CONCORDIA, kapt. C. Ouwehand, DE ZILVERMEEUW, kapt. D.M. Noordhoek en ZELDENRUST, kapt. G.J. Kluin, van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Den 2 april, des morgens zeilden van Helvoetsluis: DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J. Stornett, naar de Oostzee; DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrick en DE VROUW ENGELINA, kapt. H.T. de Jong, naar Dantzig; ENGELINA, kapt. R.H. Bok, naar Newry en AMATIA, kapt. J. Sirck, naar Drontheim.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Van Den Briel wordt gemeld, dat het schip DE CERES, kapt. S. Britt (opm: buitenlander), met het uitzeilen op de vlakte vastgeraakt en geheel weg is; de equipage is gered en een gedeelte van de lading en tuigage is geborgen.
Den 1 april, des namiddags, arriveerde DE FELIX, kapt. W.J. Kramer, van Bordeaux.
Even voor posttijd zeilden DE DIANA, kapt. A. van Dijk, naar Stonehaven; D’ADELINA, kapt. C. Christiaans, naar Newcastle; DE JONGE FREDRIK, kapt. H.J. Klein, naar Stettin; DE JONGE GERRIT, kapt. F. de Best, DE FLORA, kapt. C. Klok, DE JASPERDINA, kapt. W.H. Kleindijk, alle naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild: ANTWERPS PACKET, kapt. L. Hawegh, naar Hull; DE VRIENDSCHAP, kapt. B.J. de Boer, naar Montrose; DE VROUW HELENA, kapt. S.C. de Vries, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Van Neuzen meldt men, dat den 26 maart het schip DE SCHELDE, van daar naar Antwerpen onder zeil gegaan en des avonds behoorlijk voor Ooltjeskerk ten anker gekomen is, om bij het opkomend tij zijn reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 april. Uittreksel uit de Lloydlijst van den 30 maart: DE JOHANNA MARIA, kapt. Schonfield, van Tremblade naar Antwerpen, die te Scilly binnengelopen is, moet lossen om te repareren.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Zuivering van legale verbanden.
Uit een exploit, den een en dertigste maart achttien honderd zeven en twintig door de Deurwaarder bij de Rechtbank van eerste Instantie, zitting houdende te Dordrecht, Johannes Wijnhoff, geinsinueerd aan de WelEdel Gestr. Heer Officier van Justitie bij welgemelde Rechtbank, behoorlijk geregistreerd te Dordrecht, den tweede april achttien honderd zeven en twintig, deel zes, folio drie en twintig verso, vak zeven,
blijkt; dat Pieter Smits, FZn., Scheepssloper, wonende te Dordrecht, op de Vest, Lett. C, No. 604, op de tiende maart achttien honderd zeven en twintig, ingevolge acte, gedresseerd door de heer Griffier, en geregistreerd te Dordrecht, de twintigste maart achttien honderd zeven en twintig, deel twee en twintig, folio tachtig, vak twee en drie, ontvangen met de verhoging twee guldens tachtig en een halve cents door de Ontvanger F.J.A. Pit, waarvan de expeditie is geregistreerd ten zelven burele den acht en twintigste maart achttien honderd zeven en twintig, deel twee en twintig, folio zes en tachtig recto, vak vijf, zes en zeven, ten rechte van een gulden negen en tachtig cents, ter Griffie van welgemelde Rechtbank van Eerste Instantie te Dordrecht, door den ondegetekende voor gemelde Pieter Smits, FZn., occuperende Prokureur, ten wiens kantore, Bagijnhof, D. 871, te Dordrecht, door denzelven, voor zo veel des noods, mede domicilie is gekozen, heeft doen deponeren een expeditie van een acte van transport, op de tweede maart achttien honderd zeven en twintig verleden voor de openbare notaris Gerrardus Telders, residerende te Dordrecht, en getuigen, en geregistreerd te Dordrecht de vijfde maart achttien honderd zeven en twintig, deel vier en twintig, folio twee en zestig verso, vak zeven, en folio drie en zestig recto, vak etc., ten rechte van dertig guldens vier en twintig cents, ten burele van de ontvanger W.B. van den Santheuvel, en overgeschreven ten kantore der Hypotheken te Dordrecht de zevende daaraanvolgende, deel een en vijftig, numero zes en dertig, en de inschrijving ex officio gedaan, deel vijf en dertig, numero honderd twee, ten rechte van zes guldens acht en zestig en een halve cent, door de heer F.J.A. Pit, waarbij gemelde Pieter Smits, FZn., heeft gekocht van Anna Margaretha Westerhuis, weduwe van Philippus Drogendijk, wonende te Dordrecht:
Een huis en erf, staande en gelegen op de Vest, aan den Bleijenhoek, te Dordrecht, getekend C. 605 en 606, belend met de Stadsgracht aan de ene, en het huis van voornoemde Pieter Smits, FZn, aan de andere zijde.
En zulke voor en somme van zes honderd guldens.
De gemelde depot en insinuatie zijn geschied, ten einde dezelve Pieter Smits, FZn, alzo procedere tot zuivering van zijn gekochte van de Legale Verbanden, waarmede hetzelve zoude kunnen zijn belast, ook hoezeer dezelve niet ten Burele der Hypotheken van het resort zijn ingeschreven; waartoe tevens deze advertentie geschiedt, ingevolge het advies van de staatsraad van de eerste juni achttien honderd zeven.
Dordrecht, den tweeden april achttien honderd zeven en twintig.
S.H. Lotsij, Procureur.


  DC - Dordtsche Courant

Antwerpen, 30 maart. Het schip de SCHELDE, den 26 dezer van ter Neuzen vertrokken, is des avonds van den dag voor Hoedekenskerke, en verder achtervolgelijk gisteren tot voor Lilloo ten anker gekomen, van waar het nog heden in onze haven gewacht wordt.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 31 maart. Den 30 dezer is bij Texel binnengekomen A.J. Struik (opm: fregat PAULINA) van Suriname.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia gearriveerde schepen:
Den 28 maart: kotter PADANG, kapt. R. Willborn, met een passagier van Bantam den 28 maart vertrokken; den 1 april de stoomboot VAN DER CAPELLEN, kapt. F. MacKensie, met acht passagiers den 29 maart van Samarang vertrokken.
Van Batavia vertrokken:
Den 28 maart schip LAIU, kapt. A.W.R. Parkers, met drie passagiers naar Soerabaija; den 1 april Zr.Ms. korvet POLLUX, kapt.luit C.L. Eeg, met acht passagiers en gepaspoorteerde militairen naar Nederland, schip LOUISA, kapt. P. Lund, met een passagier naar Singapore, schoener TARTAR, kapt. P. Mallien, met twee passagiers naar Soerabaija, en de kotter PADANG, kapt. R. Willborn, met een passagier naar Padang; en den 2 april het schip MARQUES OF HASTING, kapt. G. Ingram, met vijf passagiers naar Samarang.
Ter rede van Batavia liggende schepen:
Zr.Ms. fregat MELAMPUS, Zr.Ms. korvet ZWALUW, Zr.Ms. peniches No. 3 en No.4, en de Nederlandse koopvaardijschepen ADMIRAAL BUYSKES, FREDERIK, JADUL KARIM, de brikken DIJKZIGT, EXPERIMENT, SEA HORSE, SEGAVE, LOUISA DE KOCK, de schoeners SUSANNA, TRANSFER, en de stoomboot VAN DER CAPELLEN, benevens 13 buitenlandse schepen. (opm: de DIJKZIGT werd per 1 mei niet meer genoemd bij de ter rede van Batavia liggende schepen, ook een vertrek van Batavia of een verdoping is niet gevonden gedurende de maand april 1827.
Te Soerabaija gearriveerde schepen:
Den 27 maart brik TJOEMPO, kapt. Tjan Sio, van Rembang den 16 maart vertrokken.
Van Soerabaija vertrokken schepen:
Den 22 maart brik MARGARETHA, kapt. J.L. Wood, naar Banka, schip ESPERANCE, kapt. J. Worthington, naar Bima, schip ZEEMANSHOOP, kapt. P. Kraay, naar Passaroeang; den 24 maart schip VROUW HELENA, kapt. G. Marterus, met een passagier en Zr.Ms. troepen naar Samarang, Zr.Ms. schoener IRIS, 1e luit. J.J. Boedrie, koersstellende om de oost, en Zr.Ms. schoener CASTOR, 1e luit. J. Stolze, koerstellende om de west; den 25 maart brik de DRIE MARIA’S, kapt. P. Williams, naar Borneo, den 26 maart schip CAROLINA EN JACOBA, kapt. H. Zeeba, naar Banjermassing en brik KOEPANG, kapt. J. Dodero, met twee passagiers naar Timor Koepang.
Ter rede van Soerabaija liggende schepen:
Zr.Ms. fregatten DAGERAAD en ANNA PAULOWNA, Zr.Mr. korvet AREND, Zr.Ms. schoener JOHANNA, Zr.Ms. roei-kanonneerboot No.16, Zr.Ms. transportschip No.4, en de Nederlandse koopvaardijschepen MANOK, BANTJAR, RECOVERY, OEIJ SINJO, MERCURY, MASTORA, ROSALIE, BONNYNAN, de bark RADJAWALIE, de brikken SHEVA, TEKSING, KAMPAR, NEDERLANDER, TJOEMPO, en de schoeners DRAEKE, HELEN en DINA ALIDA, benevens een buitenlands schip.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia.
Advertentie. Restant provisies, aangebracht per de FREDERIK (opm: fregat FRÉDÉRIQUE), kapt. J. Brand, als: kaas, boter, jenever, wit scheepsbrood, gort, spek, vlees, meel, erwten, azijn, rode kool en snijbonen in azijn, stokvis, alsmede ene scheepsboot, te koop bij Van Straten en Witt.


  LC - Leeuwarder Courant

Rotterdam, 28 maart. Heden is alhier op ’s Konings werf gelukkig van stapel gelopen Zr.Ms. brik ECHO, van 18 stukken. Aan de kraanbalken van dit schip is gevoegd het ankerslot, door de heer W. van Houten jr. uitgedacht, waardoor het anker op een veiliger, zekerder en spoediger wijze valt dan thans in gebruik is.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 25 maart binnen gekomen het brikschip WILHELM FREDRIK, kapt. E.P. Horn, met hout van Drobak; het smakschip de VROUW JANTJE, kapt. Jacob Scherpbier, ledig van Amsterdam.
De 27 dito uitgezeild de smakschepen LAMMEGINA, kapt. Otte P. Smit; de JUFFER ENA, kapt. R. Haverbult; de kofschepen de JONGE JAN, kapt. J.E. Bart, de JUFFER TRIJNTJE, kapt. S.A. van der Werff; ANNA CATHARINA, kapt. B.R. de Vries; GROOT LANKUM, kapt. T.K. Mulder, alle zes met ballast, en de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.J. Bakker, met dakpannen naar Noorwegen.
De 28 dito uitgezeild de smakschepen de VROUW CATHARINA, kapt. N. Jacobs Boomgaard; de JONGE JOHAN, kapt. R. Jans, met ballast naar Noorwegen.
De 29 dito binnen gekomen het schonerschip FAME, kapt. Wm. Barfield, met ballast van Londen.
De 30 dito binnen gekomen UNION, kapt. A. Gallaway, met ballast van Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Tjalkschip, met zeil en treil, haken en bomen, lang 14 ellen 9 palmen, wijd 3 ellen 18 palmen, hol naar advenant. De gegadigden vervoegen zich in persoon bij Roel S. van der Meulen, Meester bakker te Rottevalle.


05 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Te Rotterdam liggen in lading:
- Naar Batavia, het nieuw gebouwd en gekoperd brikschip DE KROONPRINSES, kapt.
Henderik Martinus Heijns, om den 15 mei te vertrekken; hebbende uitmuntende
inrichtingen voor passagiers.
- Naar Curaçao, alsmede voor passagiers, het tweedeks opnieuw met zink beslagen pinkschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om den 25 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Suriname, het Nederlandse brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulis Rijnbende.
- Naar Suriname, het Nederlands driemast galjootschip MAASSTROOM, kapt. Paulus Sytzes Schuil.
- Naar Smyrna, het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. Anne Glazener, om den 15 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Bordeaux, het Nederlandse kofschip HET VERTROUWEN, kapt. Boele Jans Bakker, om den 5 april aanstaande te vertrekken.
- Naar Liverpool, het Nederlandse kofschip de HARMONIE, kapt. Jan Rooderkerk.
- Naar Petersburg, het Nederlandse hoekerschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Govert van
der Borden.
- Naar Stettin, het Nederlandse schip DE JONGE WILLEM, kapt. Egbert Willems Brink.
- Naar Bergen in Noorwegen, het Nederlandse kofschip DE HOOP, kapt. Wouter van der
Horden.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Te Batavia liggen ter rede Zr.Ms. fregat MELAMPUS; korvet LIJNX, brik DE HAAIJ; schoener JOHANNA; Peniche No. 4; de schepen MARCO BOXARIS, TIKSOEN,
DELPHINE, KOLONIST,MARIJ, APOLLO, BANTIAR,CAROLINA EN JACOBA, STER, MERCURRIJ, OEMAR, OSMAN, OEIJ SINJO, PEKALONGANG; de brikken PENHOIJ, PRANSFER, DE DRIE MARIA’S, FONFIE, CLEMENTINA, A B C, PENANTEN, EXPERIMENT, DOROTHEA, INDRAMAIJOE, JOHANNA MARIA, GOANLIE; de schoeners HAPHIEN en FALTHALHAIR.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Den 4 dezer is te Capelle aan den IJssel, op de werf van de heren W. & J. Hoogendijk en Comp, met het best gevolg van stapel gelopen het gekoperd schooner-barkentijnschip MARIA, groot 200 Nederlandse tonnen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Van Helvoetsluis wordt gemeld, dat den 2 des namiddags arriveerden: MARIA ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, van Bristol en HESPERUS, kapt. P.H. Mulder, van Bordeaux.
Den 4 des morgens arriveerde PRINCE FREDERICK, kapt. G. Hart, van Londen;
en zeilden DE VROUW NEELTJE, kapt. K. Parrel, naar Fitseroe en DE VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Valom, naar Yarmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 april. Men meldt van Brielle: van den 2 dezer, dat uitgezeild is DE VROUW PETINA, kapt. K.D. Mulder, naar Londen.
Van den 4 wordt gemeld: des morgens vertrokken, DE JONGE FREDERICk, kapt. H.J. Klein, naar Stettin; DE JUFVROUW JEANNETTE, kapt. B.J. Groothuis, naar Memel; MARIA ADOLPHINA, kapt. J.H. Haverbult en DE VROUW HENDRIKA, kapt. L.S. de Jong, naar … ; DE GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pott, DE VROUW ALIJDA, kapt. T. Swiers, DE DAGERAAD, kapt. P.H. Hazewinkel en DE EENDRAGT, kapt. J.H. Deddes, naar Koningsbergen; VLAARDINGS HOOP, kapt. J. van der Valk, naar Londonderry.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 april. Volgens brief van Antwerpen van den 30 maart, had men van Vlissingen bericht ontvangen, dat er veel hoop was, om het schip PALMIRA, kapt. C. de Vos, van Charlestown naar Antwerpen, op de Caloot gestrand, in vlot water te brengen. (opm: zie o.a. AC 210327 en RC 120427)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 april. Het schip DE SCHELDE, kapt. C. Neurenberg, van Antwerpen naar Batavia, op de Schelde gestrand, is den 30 maart zonder hulp van stoomboot of lichters, drijvende met kleinzeil voor de vloed op, te Antwerpen terug en de volgende dag aldaar in het grote dok gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 april. Het schip DE DOCHTER ALIDA, kapt. H.D. Duit, van Londen naar Rotterdam, zou, volgens brief van Rotterdam van den 28 maart, op de Vlaamsche Banken verongelukt zijn en waren reeds van de lading 94 balen katoen aangespoeld; en van Ostende meldt men van den 29 dito, dat de visserssloepen nog enige balen katoen aangebracht hadden, zo dat reeds meer dan 100 geborgen waren, gemerkt R. C. en Co. J.F.F. in een ruit, en B.B. met nummers, welke men dacht afkomstig te zijn van het gemelde schip DE DOCHTER ALIDA, kapt. H.D. Duit, uit hoofde dat men een brieventas opgevist had, welke ondermeer andere papieren het manifest van genoemd schip bevatte.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Nederlandsche Handel-Maatschappij.
De Directie binnen den loop der drie eerstvolgende maanden enige Tweedeks-Schepen behoevende, behoorlijk ingericht voor een reize met manschappen en goederen naar Neerlands Indië, en van daar naar een der Nederlandse havens terug, nodigt bij deze alle diegenen uit, die genegen mochten zijn bodems, de gevorderde vereisten bezittende, naar de genoemde bestemming te vervrachten, om voor de vijftiende april aanstaande hunne inschrijvingen in te zenden aan de Directie te ’s Gravenhage, met opgave van de namen der schepen en derzelver gezagvoerders, van de grootte in lasten, de tussendekshoogte, en of dezelve al dan niet gekoperd zijn; alles op de voet en de voorwaarden, welke bij de Agenten der Nederlandsche Handel-Maatschappij te Amsterdam, Antwerpen, Rotterdam, Brugge, Dordrecht, Middelburg en Ostende ter visie zullen liggen; zullende echter alleen kunnen worden aangeboden die bodems, welke in de maanden april, mei of juni ter vertrek gereed kunnen zijn, en bij de inschrijving het juiste tijdstip moeten worden opgegeven, waarop de schepen zo tot innemen der beladingen, als vertrek gereed zullen wezen, terwijl de Directie haar besluit op deze inschrijvingen onmiddellijk na expiratie van de bovengenoemde termijn van inschrijving ter kennis van de belanghebbenden zal brengen.
’s Hage, 29 maart 1827, Van de Poll, president; de Clercq, secretaris.


07 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. Van Helvoetsluis wordt gemeld, dat den 5 des morgens uitgezeild zijn: DE JUFVROUW WILLEMINA, kapt. J.J. Swart, naar Oleron; DE HOOP, kapt. J.H. Mugge en DE GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels, naar Liverpool; DOLPHIJN, kapt. M.D. Meijer, naar St. Thomas; MARIJ, kapt. F. Maijo, naar City Pound, in Virginië (opm: Virginia, VS) en JANUS, kapt. W. Holmes, naar Boston.
Van Helvoetsluis wordt van den 6 gemeld, dat des morgens zeilden NEERLANDS KONINGIN, kapt. W. Verloop en WILHELMINA, kapt. J. Palm, naar Batavia; CHRISTINA CORNELIA, kapt. J. Noord, naar Liverpool; LOGAN, kapt. R.F. Coffin, naar de Zuid-Zee, ter walvisvangst.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. Men meldt van Brielle: van den 5 dezer, dat des morgens uitgezeild zijn: DE LOUISA, kapt. D. Guijt, naar Jersey; DE VROUW CATHARINA, kapt. J.J. Mijs en DE KNELSINA GERDINA, kapt. R.R. de Jonge, naar Newhaven; DE ZEELUST, kapt. G.A. Wieringa, DE BASTIAAN, kapt. J. Plug, DE GOEDE HOOP, kapt. D.H. Puister, DE HENDRIKA, kapt. F.F. Harding, de JASPERDINA, kapt. W.H. Kleindijk, DE FLORA, kapt. C. Klok, DE HARMONIE, kapt. J. de Best, DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, DE JONGE GERRIT, kapt. F. de Best, DE FORTUNA, kapt. J. Alberts en DE ARIUS, kapt. R.C. Hazewinkel, alle naar Londen; DE VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuijper, DE VROUW MARGINA, kapt. J.P. Boer en WILLEMINA, kapt. C. Cordia, naar Newry; DE AMICITIA, kapt. H.J. Benes, DE VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer en DE ALIDA FRANKINA, kapt. J.H. Mulder, alle naar Liverpool; DE WIARDUS, kapt. J.J. Arens, naar Guernsey; DE ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, naar Londonderry; DE ARIUS JOHANNES, kapt. H. van Wijk, naar Belfast; DE JOHANNUS EN WILHELMINA, kapt. D. Mooijekind, DE HENDRIKA, kapt. E.S. Siegers, DE VROUW GESINA, kapt. H.H. Veen, DE VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Poelsen, DE MARIA JOHANNA ELISABETH, kapt. H.G. Boekhout en DE VRIENDSCHAP, kapt. M.W. Swart, naar Hull; DE ANTONIUS, kapt. J.P. Schonke, naar Bordeaux; BUITENWERF, kapt. J.C. Gust, naar Lynn; DE VROUW HENDRIKA, kapt. C.C. Hoveling, naar Lossymouth; DE HERSTELLING, kapt. A. Duijndam, naar North Shields; DE JOHAN-GEORGE, kapt. W.D. Kleininga, naar Belfast; DE DOLPHIJN, kapt. W. Schep, naar Gibraltar; DE HARMONIE, kapt. A.J. Hubert, naar Rochester; DE VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, naar ……; DE CHRISTINA JOHANNA, kapt. J. Parlevliet Fz., naar Cherbourg; DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon en De VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, naar Lissabon; DE MEELZAK, kapt. J.H. Witteveen, naar Bayonne; DE JUFVROUW MARIA, kapt. C. Wapenaar en DE EMELIA, kapt. P.P. Eschels, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Men meldt van Brielle: van den 6 dezer, dat des morgens uitgezeild zijn: DE JOHANNA, kapt. H.T. Mulder, naar Jersey; DE JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder, naar Newcastle; DE ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Wijgers, naar Sheerness; DE VROUW ANNEGINA, kapt. J.J. Boon, naar de Oostzee; DE HOOP, kapt. K.Z. Schultz, naar Londen; DE JONGE JAN SCHOON, kapt. M.J. Schoon, naar …..; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. L. Maasdijk, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. Den 3 dezer is ter rede van Middelburg gearriveerd het fregatschip DE ONDERNEMING, kapt. H. Eeltjes, van Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild: ST. MICHELL, kapt. E.P. Brons, naar Hull en DE VROUW ALBERDINA, kapt. P.E. Mooi, naar Hull.
Te Antwerpen zijn gearriveerd: VROUW KLAZINA, kapt. J.C. Boon, van Jersey; ESPÉRANCE, kapt. van Geijt, LEEUW, kapt. Verbruggen en COMMERCE, kapt. De Vries, yvan Londen; en DELPHINA, kapt. Brandaris, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 april. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 3 april: ROTTERDAMS WELVAREN, is den 31 maart van Ramsgate vertrokken om de reis naar Batavia voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Gerrardus Telders, openbaar Notaris, te Dordrecht residerende, als daartoe gelast, is voornemens op woensdag den 11 april aanstaande, 's morgens ten elf ure, in het logement de Gouden Leeuw, in de Prinsestraat, bij de Vuilpoort, te Dordrecht, in het openbaar te veilen, en aanstonds na de veiling op te hangen, af te slaan en te verkopen:
Een ongemeen welbezeild, hecht en sterk fregat-schip, genaamd MARIA, laatst gevoerd door schipper Jacob Hendriks Hazewinkel, lang over steven 28 ellen 1 palm 3 duimen, wijd binnen de huid 5 ellen 8 palmen 3 duimen, hol in het ruim 4 ellen 4 palmen 7 duimen, en hol tussendeks 1 el 9 palmen, alle Nederlandse maat; en dat verder met al zijn rondhout, opstaande en lopende want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, breeder
bij aangeslagen inventaris omschreven, en zoals hetzelve thans is liggende in de Kalkhaven, over de werf van de heer Jan Schouten, te Dordrecht.
Nader onderrichting te bekomen bij voornoemde notaris Telders, op de Groenmarkt, A 39, te Dordrecht. Zijnde voormeld schip inmiddels uit de hand te koop. Zegt het voort.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 april. Kapitein C. Hazewinkel, voerende het schip DE VRIENDSCHAP, van Hull naar Amsterdam, meldt van Esummerzijl (opm: Ezumazijl), in dato den 30 maart, dat hij die dag door behulp van het volk, met een zeer onthavend en lek schip aldaar is binnengelopen, hebbende bijna alles verloren; hij wist niet of de lading geleden had, doch vreesde, dat dezelve niet geheel onbeschadigd zou zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 april. Het schip DE SCHELDE, kapt. C. Neurenberg, naar Batavia gedestineerd en te Antwerpen teruggekomen, zou, volgens brief van Antwerpen van den 3 dezer, door een daartoe benoemd wordende commissie geïnspecteerd worden.


10 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 april. Den 6 des namiddags, zeilde van Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog BRAK, luit. Coops.
Den 7 des morgens, arriveerde MINERVA, kapt. H.L. Pentz, van Holmstrand en zeilde ALBION, kapt. T. Graham, naar Leith.
Den 8 des morgens zeilde de ROTTERDAM, kapt. J. Laming, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 april. Van Den Briel wordt gemeld, dat den 6 des avonds uitgezeild zijn: DE HERSTELLING, kapt. W.A. Smith, naar Petersburg; DE VROUW JACOBA, kapt. J.J. Rink, naar Newcastle; DE VROUW MARGARETHA, kapt. B. Berg, naar Yarmouth.
Den 7 des morgens: THE POMONA, kapt. G. Currey, naar Newcastle; DE HERSTELLING, kapt. B.P. de Jong, naar Riga; DE VROUW ANNA, kapt. H.C. Uil, naar Noorwegen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 april. Den 8 des namiddags, arriveerde in de Maas: DE HERSTELLING (opm: tjalk de HERSTELDE), kapt. C.H. Bruins, van Hull; en den 9, des morgens, DE JOHANNUS, kapt. J.J. Bulter, van Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 april. Te Antwerpen zijn gearriveerd: ENTREPRISE, kapt. Darningham, van Rio de Janeiro en SOLON, kapt. Rikmans, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Het everschip REGINA, kapt. T. Tieman, van Amsterdam naar Hamburg, was den 3 dezer bij Ameland en zal waarschijnlijk die dag in zee gekomen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Het Blankenezer everschip, kapt. J.L. Tieman, met stukgoederen van Amsterdam naar Hamburg, is na hetzelve in zee, door hevige storm belopen, zwaar lek geworden en na een gedeelte van de lading over boord geworpen was, den 29 maart in zinkende staat te Cuxhaven binnengekomen; men was bezig met lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Het schip ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, van Rotterdam naar Batavia, te Ramsgate binnen, heeft den 31 maart de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 april. Het schip DE JONGE GERARDA CORNELIA, kapt. J. Smith, zou den 12 maart van Suriname naar Amsterdam vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.
- Vaart tussen Amsterdam en Hamburg.
Het stoomschip WILLEM DE EERSTE vertrekt van Hamburg zaterdag de 7e april 1827 en van Amsterdam de 14e daaraanvolgende, zullende gemelde dienst regelmatig, de ene zaterdag van Amsterdam en de naastvolgende zaterdag van Hamburg, worden voortgezet.
- Vaart tussen Amsterdam en Londen.
Het stoomschip DE BEURS VAN AMSTERDAM zal, te beginnen met de 12e april aanstaande, die vaart openen en alsdan voortgaan de ene donderdag van Amsterdam en de daaraanvolgende donderdag van Londen te vertrekken.
Nadere informatie nopens de vrachten, zo voor passagiers als goederen, te Amsterdam bij de directie, Kalkmarkt, n.º 54 en voor de vaart op Hamburg bij de agent der maatschappij te Hamburg, de heer J. Hultmann Jr., en te Amsterdam bij de cargadoors de Wed. Salm, Meijer en Blikman en Co.
En voor die op Londen, bij de agenten der maatschappij te Londen, de heren Hopman en Schenk en te Amsterdam bij de cargadoors Nobel en Holzapffel, Corver en Co., Gemmening en Penning en Da Costa en Bueno


12 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Batavia, het nieuw gebouwd en gekoperd brikschip DE KROONPRINSES, kapt. Henderik Martinus Heijns, om de 15e mei te vertrekken, hebbende uitmuntende inrichtingen voor passagiers.
Naar Curaçao, alsmede voor passagiers, het tweedeks op nieuw met zink beslagen pinkschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om de 25e april aanstaande te vertrekken.
Naar Suriname, het Nederlandse brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulus Rijnbende.
Naar Suriname, het Nederlandse driemast galjootschip MAASSTROOM, kapt. Paulus Siedzes Schuil.
Naar Smirna, het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. Anne Glazener, om de 15e april aanstaande te vertrekken.
Naar Bordeaux, het Nederlandse galjootschip MAARTINA ALETTA, kapt. Jan Gerrits Hoetjer, ligt gereed.
Naar Liverpool, het Nederlands kofschip (opm: schoener hoeker), HARMONIE, kapt. Jan Rooderkerk.
Naar Petersburg, het Nederlands hoekerschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Govert van der Borden.
Naar Bergen in Noorwegen, het Nederlandse kofschip DE HOOP , kapt. Wouter van der Horden, ligt gereed.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 april. Volgens brief van kapt. Willers, voerende het Nederlandse fregatschip DE HANDELMAATSCHAPPIJ, met troepen de 26e december uit Texel naar Batavia, in dato 3e februari, was hetzelve toen zeilende op 27 gr. 30 min. zuiderbreedte, 27 gr. en 30 min. lengte bewesten Greenwich; hetzelve was de 24e januari de linie en de 4e februari het eiland Trinidad gepasseerd, aan boord alles wel, zowel troepen, passagiers als equipage en het schip voldeed in alle opzichten, vooral wat de zeilage aangaat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 april. Het schip PALMIRA, kapt. C. de Vos, van Charleston naar Antwerpen, op de Kaloot gestrand, is, nadat de gehele lading, enige planken tot scheepsgebruik uitgezonderd, gelost was, van de Kaloot afgekomen en in diep water gezonken. (opm: zie RC 150327, AC 210327, RC 270327, 050427, 120427 en 170427)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 april. Het schip DE WAAKZAAMHEID, kapt. J.C. Praater, van Livorno naar Amsterdam, te Cadix binnen, heeft de 15e maart de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 april. De 7e dezer is met het beste gevolg, onder beleid van de meester scheepstimmerman Gijsbert Verdoes Kruijt, te Noordwijk aan Zee, van het hoogst van strand in zee en vervolgens in de Maas binnen gebracht het aldaar op de 2e januari laatstleden gestrande tjalkschip DE HERSTELLING, kapt. C.H. Bruins. (opm: de HERSTELDE, zie RC 090127 en 100427; de zeebrief werd geretourneerd met vermelding ‘schip zal voortaan binnenslands varen’).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 april. De 9e, des namiddags, zeilde van Hellevoetsluis MAAS, kapt. J. Blake.
De 10e des nachts arriveerde te Den Briel DE VROUW AUKE, kapt. H.K. Wolkammer, van Embden.
De 10e, des morgens, zeilden DE EENDRAGT, kapt. S.C. de Groot, naar Fiert of Fort (opm: Firth of Forth); de VEENSTROOM, kapt. A.C. Hoveling (opm: kof, kapt. S.E. Hoveling), naar Sheerness.
De 11e, des morgens, arriveerde DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.E. Scherpbier, van Riga, als bijlegger naar Antwerpen.
De 11e, des morgens, zeilden van Brielle, DE HERSTELLING, kapt. B.P. de Jong, naar Riga; DE ANNE, kapt. A.C. Uil (opm: kof VROUW ANNA, kapt. Hendrik Caspers Uil), naar Noorwegen; DE VROUW IKINA, kapt. C.J. Postema, DE NOORDSTAR, kapt. E.G. Boekhout en DE AMASIS, kapt. F.E. Visser, naar Liverpool; DE JONGE PIETER, kapt. J. Hardison, DE JONGE GERRIT, kapt. L. Hus, naar Londen; DE VROUW HENDRIKA, kapt. F.P. Kramer, naar Hull; DE ZEEMEEUW, kapt. D. Noordhoek, naar Bordeaux en DE VROUW ANNA, kapt. G. Don, naar Bergen.
De 6e dezer is van Vlissingen naar zee gezeild het schip DIANA, kapt. F. Meulenbroeck, naar Batavia, met de troepen, welke met het schip DE SCHELDE derwaarts zouden zijn vertrokken. Nog is van daar vertrokken DE CATHARINA, kapt. A. Hansen, naar Stockholm.


13 april 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Grouw,12 april. Heden is alhier bij de scheepsbouwmeester Claas P. Sjollema, met goed gevolg van stapel gelopen een volgens een nieuwe constructie gebouwd kofschip, groot 300 Nederlandse tonnen, het eerst welk sedert 20 jaar van dat kaliber alhier gebouwd is.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. P. Andrea, notaris te Leeuwarden, zal op donderdag den 26 april 1827, ten 12 uren op den middag, bij den provisionele en finale palmslag, ten huize van Joseph van Lingen, kastelein in het Nieuw Blaauwhuis, bij Leeuwarden verkopen een Snikschip, de VLUGHEID genaamd, lang over steven 11 ellen 6 palmen 4 duimen 4 strepen, en wijd en hol naar advenant, met zeil en treil en verdere aanbehoren, liggende in de Dokkumer Ee, nabij het Nieuw Blaauwhuis, zeer geschikt om op Kermissen re reizen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G.T. de Jongh, te Gorredijk, zal op zaterdag den14 april 1827, des namiddags ten 2 uren, ten huizevan bij Kornelis Klazes de Jong, kastelein in het Fortuin te Langezwaag, publiek bij boelgoed presenteren te verkopen een jacht met nieuwe zeilen en verder toebehoren, een Punter, twee dito melkscheepjes, benevens enige bokken. alles
dagelijks aan de werf van O.J.van der Werf te Gorredijk, en ten dage der verkoop bij de huizinge van gemelde kastelein te bezichtigen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een of twee Scheepstimmerknechten, hun werk verstaande, werk begerende, kunnen dadelijk werk bekomen, tegen behoorlijk dagloon, bij Jelle Crelis, Jr. te Ijlst


14 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 april. Ter zee gekomen uit Brielle: CONCORDIA, kapt. C. Ouwehand naar Bordeaux, DE ELSINA, kapt. E. Pekelder, naar Firth of Forth, DE DIANA, kapt. J.A. Panjer en DE WATERLOO, kapt. C. Cloid, naar Newcastle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloydslijst van 10 april 1827: de ROTTERDAM, kapt. Waters, van Amsterdam naar Batavia is gepraaid in Het Kanaal.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 13 april. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JONGE JOHANNES, kapt. J.J. Butter, van Hamburg, met klipzout en stukgoederen, en MINERVA, kapt. H.L. Pentz, van Holmstrand, met hout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 11 april het schip CONCORDIA, kapt. H. Bos, met Zr.Ms. troepen, den 17 december vertrokken van Rotterdam.


17 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam 15 april. Het schip PALERMO (opm: brik PALMIRA, zie o.a. RC 270327), kapt. C. de Vos, van Charleston naar Antwerpen, op de Kaloot gestrand, is, volgens brief van Antwerpen van de 10e dezer, afgekeurd en NLG 200 waardig geschat; de verkoping van hetzelve geordonneerd zijnde, zou zulks dien dag plaats hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 april. De 14e, des morgens, zeilden van Hellevoetsluis DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong.
De 13e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE GOEDE VERWACHTING, kapt. J.B. de Groot en DE MARGARETHA, kapt. J. Verdoes, van Bordeaux.
De 15e, des morgens, is DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.E. Scherpbier, van Hellevoetsluis, binnendoor naar Antwerpen gezeild.
De 14e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE WILHELMINA, kapt. W.M. Cornele, van Kadix.
De 15e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis ENIGHEDEN, kapt. H.L. Falck; MOSES, kapt. J. Falck.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 april. De 15e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE GOEDE VERWACHTING, kapt. M. Kwakkelstein, van Lissabon.
De 16e, des morgens, zeilde DE ALBERDINA, kapt. A.C. Hazewinkel, naar Hull.
Van Middelburg is naar zee gezeild het schip MERCURIUS, kapt. H.B. Esink, naar Demerarij.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE TWEE GEBROEDERS, kapt. K.J. Potjewijd, naar Topsham; MEDUSA, kapt. F. Bunnemeijer, DE JONGE LUCIA, kapt. G.A. Segaert, DE AREND, kapt. H. Elbring, DE JONGE SOPHIE, kapt. J.F. Muijs, DE JONGE JOHANNA, kapt. W.J. Poel, DE EENDRAGT, kapt. J. Diilewijns, LA REINE CHÉRIE, kapt. J.C. Kuiper, DE GOEDE HOOP, kapt. J. Wilker en VROUW MARIANNE, kapt. C. van der Weeg naar Londen; DE VROUW CATHARINA, kapt. M.J. Pesser, naar Hamburg; DE HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, naar Douvres; DIANA, kapt. E.R. Huisman, naar Liverpool; PAULINA, kapt. J. Joossens, DE GOEDE HOOP, kapt. H.W. de Groot, JOSEPHUS, kapt. M. Bakker, THERESIA, kapt. L.J. Besseling en DE VROUW REINA, kapt. H. Koops, naar de Marennes; DE GOEDE VERWACHTING, kapt. J.J. Schuring, naar Elij; JANNA HAZINA, kapt. B.P. Kolk, naar Belfast; DE MARIA, kapt. E.R. Borchers, naar Kadix, DE JONGE SIKKE, kapt. P.A. Visser, naar Leith; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, naar Bristol; DE JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, naar Exeter; DE HARMONIE, H.K. Potjewijd en DE VREDE, kapt. R.W. Vos, naar Limerick; DE NEDERLANDER, kapt. E. Mazens, naar Rio de Janeiro; WEMELINA KRANENBURG, kapt. J.J. Prange, naar de Oostzee; DE VROUW GEZINA, kapt. R.T. Taaij, ANNA KRANENBURG, kapt. H. Smit, DE NIEUWE ONDERNEMING, kapt. K.L. Domini en DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Korter, naar……
Te Antwerpen is gearriveerd LIEFDE, kapt. Heijblock, van Duinkerken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 9 april. De 6e is van hier naar zee gezeild het schip DIANA, kapt. F. Meulenbroek, naar Batavia met de troepen, welke met het schip de SCHELDE derwaarts zouden zijn vertrokken. Laatstgemeld schip is de 2e dezer in het grote dok van Antwerpen gebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 7 april binnen gekomen het schoenerschip HOPE, kapt. Wm. Cousins, met ballast van Londen; het kofschip NEPTHUNUS, kapt. M.D. Jeltes, ledig van Joure; het tjalkschip de VROUW GRIETJE, kapt. E.R. Smelde, met hout van Noorwegen.
Uitgezeild de schoenerschepen UNION, kapt. A. Gallaway, en ORWELL, kapt. Robert Cubitt.
De 8 dito uitgezeild het kofschip de VROUW LUCIA, kapt. Jan H. Albers, met beenderen naar Hull.
De 12 dito binnen gekomen de sloepschepen ATALANTA, kapt. Wm. Mann, WALTER MATTHEWS. Kapt. J. Mauldon, de schonerschepen LIVELY, kapt. S. Finch, VICTORY, kapt. R. Rice, alle vier met ballast van Londen. Uitgezeild het kaagschip de JONGE DOUWE, kapt. K. Gnodde, met ballast naar Noorwegen.
De 13 dito binnen gekomen het brikschip THOMAS AND ANN, kapt. John Raper, met ballast van Hull, en het sloepschip MAGNET, kapt. J. Norman, met ballast van Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Drie à vier scheepstimmerknechten en een of twee huistimmerknechten, werk begerende, adresseren zich bij Jan Yedes Bergsma, scheepstimmerbaas te Makkum, kunnende van een goed dagloon verzekerd zijn.


19 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 april. Het schip HENDRIKA, kapt. H.E. Martens, van Port-à-Port naar Hamburg, was de 12e april in goede staat voor het gat van Texel
Het schip RHODA, kapt. George, van Demerarij, was de 6e maart op de hoogte van Dartmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. De 16e, des namiddags, zeilde van Hellevoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog SIRENA, luitenant Klein.
De 17e, des morgens, arriveerde CHARLOTTA, kapt. O. Tjoumisaar, van Christiaansand en zeilde CONCORDIA, kapt. B.J. de Boer, naar Brest.
De 16e, des avonds en de 17e, des morgens arriveerden te Brielle de TWEE GEBROEDERS, kapt. H. Spanjersbergen, van Bordeaux; de TWEE GEZUSTERS, kapt. H. Chorfitzen, van Nystadt
De 17e, des morgens, zeilden de HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk en de JONGE JAN, kapt. P. Ouwehand, naar Liverpool; de HOOP, kapt. J.K. Plug, naar Londen; de MORGENSTAR, kapt. J.H. Walker; de JONGE CORNELIA, kapt. A.J. Oortjes; de ANNA PAULOWNA, kapt. H. Pothoff en de JONGE CORNELIS, naar Hull; de INDUSTRIE, kapt. P. van Duivenbode, naar Dundee; de CLARA MAGARETHA, kapt. E.P. Dik, naar Reval; de JONGE HENRICH, kapt. W. Antons, naar Stockholm; de LUDOLPH THEODORUS, kapt. J.A. Dijl, naar Firth of Forth, HET VERTROUWEN, kapt. B.J. Bakker, van Newcastle.
De 17e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis INDUSTRIE, kapt. J. Stibolt, van Drammen.
De 18e, des morgens, zeilde van Brielle de JONGE WILLEM, kapt. E.W. Brink, naar Stettin en DE HOOP, kapt. W. van der Horden, naar Bergen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VIJF GEBROEDERS, kapt. Poots, van Matanzas; FRANCISCUS, kapt. Rieke, van Messina; TWEE GEBROEDERS, kapt. Scherpbier, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, T. van Olivier, J.E. Lublink, F. der Kinderen, J. Boelen, G.W. Sesink Clee en J. Swart Abrahamsz., makelaars, zullen op maandag 23 april 1827, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen een extra ordinair welbezeild gekoperd fregatschip, genaamd LIBERAL, in de jaren 1816 en 1817 van eerste kwaliteit kajatenhout gebouwd, laatst gevoerd door kapt. J.M. Matzen, lang 29 ellen 55 duimen, wijd 7 ellen 88 duimen, hol 3 ellen 78 duimen, het verdek 1 el 88 duimen, alles Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars en bij De Vries en Comp. Voor dit schip kan een Nederlandse zeebrief verkregen worden.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. De verkoop van een vaartuig, zijnde een hengst, liggende in de Wijnbrughaven te Dordrecht, bepaald geweest op maandag 19 maart 1827, zal thans voortgang hebben op maandag 23 april 1827, des middags 12 uur, ter rolle van de Rechtbank van Eersten aanleg in den St. Joris Doele, in het Steegoversloot, te Dordrecht.
F. van Kooten, procureur.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 18 april. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen MOSES, kapt. J. Falk; EENIGHEDEN, kapt. H.L. Falk, en DWINA, kapt. T.C. Anchersen, alle drie van Drammen met hout.


  DC - Dordtsche Courant

De stoompaket CURAÇAO, onder het bevel van den luitenant ter zee 1ste klasse J.W. Moll, zal op zaterdag den 21 dezer de reis naar Suriname en Curaçao aannemen, en zullen de personen, welke van die gelegenheid verlangen gebruik te maken om als passagiers te worden overgevoerd, zich ten minste twee dagen te voren behoren aan te melden bij de directie der marine te Rotterdam, en zich voorts des avonds van den 20 dezer te Hellevoetsluis aan boord dienen te begeven.


20 april 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoijman, T. van Olivier, J.E. Lublink, G.J. Roland Holst, J. Corver, J. Boelen, H.H. Rietveld, G.W. Sesink Clee en N.J. Lublink, makelaars, zullen op maandag de 7e mei 1827, ’s avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd pink-schip, genaamd DE DRIE GEBROEDERS, laatst gevoerd door kapt. A.C. Edeling, lang 31 ellen, 80 duimen; wijd 8 ellen, 63 duimen; hol 3 ellen, 95 duimen; tussendeks 1 el, 90 duimen, Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars.


21 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Liverpool, het hoekerschip MARIA EN ADRIANA, kapt. Jacob Parlevliet Sr.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Zo men verneemt zijn de compagnieën der expeditionaire afdeling, welke sedert het verongelukken van het linieschip DE WASSENAAR te Haarlem hebben gelegen, gisteren naar Den Helder gemarcheerd, ten einde aan boord der aldaar gereed liggende schepen PRINS VAN ORANJE, HELENA en SUSANNA, bij eerste gunstige gelegenheid de reis naar hun bestemming voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 april. Zr.Ms. brik DE GIER, kapt. Van Son, is de 8e dezer op de rede van Toulon gearriveerd, zijnde de 28e maart van Port Mahon vertrokken.
De 10e, des namiddags, arriveerden te Hellevoetsluis WILHELMINA MARIA, C. Gutsman, van Bordeaux; ENIGHEDEN, van Søn.
De 20e, des morgens arriveerden te Brielle DE TWENDT BROEDRE, kapt. N.N. Brunn en DE TWENDE SUSTRE, kapt. R.R. Rocharije, van Nijestadt.
Te Antwerpen is gearriveerd JONGE JACOB, kapt. J. Bauwens, van Duinkerken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De secretaris bij de directie der marine in het hoofd-departement van de Maas, waarnemende de functies van directeur en kommandant, zal, op daartoe bekomen autorisatie van zijne excellentie de heer minister voor de marine en koloniën, ten overstaan van degenen wie zulks aangaat, in het openbaar aan het magazijn der marine te Rotterdam, op woensdag de tweede mei achttien honderd zeven-en-twintig, des morgens te tien ure bij opbod doen verkopen: de kanonneerbrik, genaamd DE MUG, de schooners DE WASSENAAR en LIEFDE, twee gaffel-kanonneerboten, een zeilhengst, gediend hebbende aan het veer van den Moerdijk, met deszelfs zeilen, staande en lopend tuig, ankers en touwen en verder al datgene wat vóór de verkoop zal worden aangewezen; benevens acht oude sloepen en jollen; liggende al deze vaartuigen aan Zr.Ms. werf te Hellevoetsluis, behalve de zeilhengst, welke zich aan ’s Rijks werf te Rotterdam is bevindende.
Wijders een partij eiken balkplanken, eiken en grenen brandhout, moth (opm: veegsel), afbraak en een hoop wortelenden, een partij oud touw, enige Oost-Indische touwen, een hoop koolas, teertonnen, afval en rommeling, zo mede enige onbruikbare meubelen, afkomstig van de gewezen pakketbrik DE BRAK en levensmiddelen en ziekenkost, afkomstig van Zijner Majesteits schepen en vaartuigen van oorlog.
Rotterdam, 21 april 1827, W.M. Obreen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen 17 april. Van Antwerpen de Schelde afgekomen en naar zee gezeild AUGUSTE, kapt. J.G. Sap naar Dantzig met stukgoederen.


24 april 1827


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 23 april. Aan deze stad is gearriveerd het schip EENIGHEDEN, kapt. Hans Olsen, van Søn, met hout.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 15 april binnen gekomen het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, met hout van Noorwegen. Uitgezeild de schonerschepen HOPE, kapt. Wm. Cousins; FAME, kapt. Wm. Barfield, met boter naar Londen.
De 16 dito binnen gekomen het kofschip de JONGE JAN, kapt. J.E. Bart, met hout van Noorwegen.
De 17 dito binnen gekomen het kofschip JOHAN WILHELM FREDRIK (opm: kof JOHAN HENDRIK WILHELM), kapt. Jan Assies, met hout van Noorwegen. Uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. M.D. Jeltes, met dakpannen naar Dantzig.
De 18 dito binnen gekomen het brikschip FORSIGTIGHEDEN, kapt. S. Larsen; het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. O.P. Smit, beide met hout van Noorwegen. Uitgezeild het kofschip de VROUW LOLLINA, kapt. B. Jaski, met dakpannen naar Dantzig; het tjalkschip de VROUW GRIETJE, kapt. E.R. Smilde, met ballast naar Noorwegen.
De 19 dito binnen gekomen de tjalkschepen WILHELMINA, kapt. Dk. D. de Jong; WILHELMINA, kapt. J.J. Joosten, met hout van Noorwegen.
De 20 dito binnen gekomen de kofschepen ALIDA CLASINA, kapt. L.E. Tiktak; GROOT LANKUM, kapt. T.K. Mulder; de VRIENDSCHAP, kapt. Jan Klasen; de JUFFER TRIJNTJE, kapt. S.A. van der Werff; de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.J. Arends; de smakschepen de JONGE DOUWE, kapt. H.M. Gnodde; de VROUW CATHARINA, kapt. N.J. Boomgaard; de JUFFER ENA, kapt. R. Haverbult; het pinkschip GREVEN HEDEN JARLSBERG, kapt. Jacob Woxvold, alle negen met hout van Noorwegen. Uitgezeild het schonerschip PROBITY, kapt. J. Harris, met haver naar Londen.


25 april 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 21 april. Aangaande de voor het bevaren van de Middel- en Boven-Rijn bestemde stoomboten wordt in een brief van Rotterdam, van de 27e maart ll. het volgende gelezen:
In het laatste dezer week en in het begin der volgende zullen de stoomboten DE LODEWIJK en DE EENDRAGT, welke de Opper- en Middel-Rijn zullen bevaren, gereed zijn om naar hare bestemming te vertrekken. De boot, die over en weer van Mentz (opm: Mainz) op Frankfort moet varen, zal dezelve weldra volgen. De constructie, de gemakken en sierlijkheid dezer vaartuigen laten niets te wensen overig. Zij kunnen de vergelijking uitstaan, niet alleen met boten van dezelfde soort, maar zelfs met de Amerikaanse, zonder van de Engelse te willen spreken, welke, voor zo veel de veiligheid betreft nog gebrekkig zijn, in dit opzicht, dat wel het gewichtigste van de gehele onderneming is, verenigen de Rijn-stoomboten alle mogelijke voordelen in zich. Alle mogelijke middelen van veiligheid zijn, tot in het overtollige toe, genomen, om alle gevaar te voorkomen en overtreffen alle voorzorgen, welke tot dusverre te dezen gebezigd geworden zijn. Bij de gemiddelde drukking der werktuigen, is een mechanismus gevoegd, dat de volkomenste veiligheid belooft. Dit mechanismus bestaat in een hydraulische- of waterpers, door middel van welke de stoomketel dagelijks beproefd wordt. De kracht van deze pers is wonderbaarlijk en zij kan de sterkste stoombuis doen barsten. Bij deze hydraulische proef moet de stoom ketel een drukking van minder dan een derde gedeelte, dat is van 55 ponden, behoeft te lijden, zo is er nimmer enig ongeluk te duchten. Daarenboven zijn er verscheidenen loden stoppen en kurken in de stoomketel aangebracht, die bij een te grote mate van hitte, smelten en stromen waters uit dezelve in het vuur werpen. Op het dek is een barometer geplaatst, van een soort ven wijzer voorzien, aan welke elk een, ieder ogenblijk zien kan, welke de kracht der drukking is. Op deze wijze verenigen gezegde stoomboten alle de gewone voorzorgen van veiligheid, die door de voorzichtigheid van het gouvernement der Nederlanden gelast zijn, bij die, welke de Engelse commissie van onderzoek, na het, te Norwich, in 1815, voorgevallen ongeluk, voorgedragen heeft; doch die het Engels gouvernement zwarigheid maakte, aan te nemen om dat het der nationale nijverheid niet hinderlijk wilde zijn. Ook is bij de bouw insgelijks gearbeid, om andere minder verontrustene zwarigheden te overwinnen, bij voorbeeld een onfeilbaar middel te vinden, om de boot voor de ondiepten en tegen het geweld van de golfslag te sturen en de lucht van de stoom in zo verre weg te nemen, dat zij de reizigers nimmer ongemak kan verwekken, enz. enz. de commissies, welke de Duitse gouvernementen zouden mogen benoemen, om deze stoomboten te onderzoeken, zullen ongetwijfeld in alle opzichten over deze, welke voor modellen in hare soort kunnen gehouden worden, volkomen tevreden zijn.
PS. DE EENDRAGT lag de 17e dezer nog te Mentz, doch zou de 21e te Keulen zijn.


26 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 april. Kapt. A.T. Steffens, van Koningsbergen te Amsterdam gearriveerd, rapporteert dat voor de wal was het schip DE JUFFROUW HENDRIKA, kapt. H.H. Scholtens, van Koningsbergen naar Amsterdam.
Het schip HELENA KATARINA, kapt. H.G. Bergveld, van Amsterdam naar Havannah, was de 15e dezer op de hoogte van Wight in goede staat zeilende.
Het schip BRISEÏS, kapt. Pieter Bakker, zou de 22e maart onder konvooi, van Smirna naar Amsterdam vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 april. De 23e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis CATHARINA ELISABETH, kapt. F. Wachter, van Wismar.
De 24e, des morgens, zeilden van Brielle DE ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, naar Elseneur, DE HARMONIE, kapt. J. Maller, naar Perth; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden, naar Petersburg.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JUFFROUW JOHANNA, kapt. J.J. Tiddens, naar Topsham, GEERTRUIDA, kapt. J.C. Liventzen en DE HOPENDE ZWAAN, kapt. C. Platt, naar Londen; DE VROUW GEERTRUIDA, kapt. L. H. Draijer en UNION, kapt. J. Riekmans, naar Liverpool; JOSEPHINA, kapt. D.F. Moldenhauer en VRIENDSCHAP, kapt. J. Hubrok, naar Brazilië; DE JONGE ISABELLA, kapt. H.B. Drent, naar Cork; ATALANTE, kapt. J. Wessels, naar Bayonne; JANTINA, kapt. H.G. Sap, naar Lissabon.
Te Antwerpen is gearriveerd HERO, kapt. Zeeberg, van Samarang.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening op dinsdag de 1e mei 1827, des namiddags ten 4 ure, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Groote Markt te Rotterdam, publiek te veilen en verkopen: Het Nederlands gebouwde tweedeks driemast galjootschip, genaamd ROTTERDAM, laatst gevoerd geweest door de bevelhebber J. Keller, lang over steven 33,03 el, wijd binnen de huid 7,46 el, hoog tussendeks 1,87 el, hol in het ruim van de bovenkant der kiel tot onder de watergangen 3,42 el, groot circa 210 roggelasten, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve thans is liggende in de Leuvehaven, nabij de Scheepmakershaven, binnen deze stad en des daags vóór en des voormiddags van de dag der verkoping door een ieder kan worden bezichtigd.
Het voorschreven schip is laatstelijk uitgerust geweest voor de walvisvangst, doch, uit hoofde van deszelfs tussendeks, bijzonder geschikt voor transport van troepen en passagiers naar de Indiën. Het zal in des kopers keuze staan de fusten, lijnen en verdere walvisvangers-gereedschappen, tegen gemaakte taxatie, al of niet bij het schip over te nemen. Nadere onderrichting te bekomen bij bovengenoemde makelaars. (opm: schip kennelijk niet verkocht, want zou op 20 november 1827 weer geveild worden, zie RC 081127)


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 25 april. Aan deze stad is gearriveerd het schip ELISABET MARIA, kapt. L. Tangren, van Stokholm met teer, pek en ijzer.


  DC - Dordtsche Courant

Katwijk aan Zee, 23 april. Gisteren was ons dorp getuige van het droevig vergaan van de visserspink MARIETTA ANDRIETTA, dewelke van de visserij terugkerende, door een stijve N.N.O. wind belopen, in het midden van de branding omsloeg. Van de zeven personen, welke de pink bemanden, zijn er vijf verongelukt, onder welke de schipper Huig de Vreugd; de beide geredde personen hebben hun behoud blotelijk te danken gehad aan de buitengemene vaardigheid en moed met welke de reddingboot, door branding en golven gestuurd, tot hulp en bijstand is aangevoerd geworden.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 24 april. Voor Antwerpen bestemd is op onze rede gekomen LE VOLTIGEUR, kapt. M. Knudsen, van Marseille, met olie, schumac (opm: gemalen stof t.b.v. verf- en looistof, afkomstige van de Zuid-Europese heester sumac) en zeep.


27 april 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een hecht en sterk overdekt schip, met zeil en treil, te bezichtigen bij de weduwe B.D. van der Meulen, te Suawoude.


28 april 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Het tjalkschip DE HOOP OP WELVAART, kapt. H.J. Mulder, van Bremen naar Amsterdam, is volgens brief van Delfzijl van de 21e april, de vorige dag met hulp ener schuit aldaar binnengelopen, hebbende zeilen, het roer en een anker en touw verloren. Het moest lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 april. De 25e, des namiddags, arriveerden te Hellevoetsluis het schip ONVERWAGT, kapt. M.C. Pantekoek, van Marseille en Banjol, zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 26e, des morgens zeilde Zr.Ms. stoompakket CURAÇAO, luitenant J.W. Moll.
De 25e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE JOHANNES EN WILHELMINA, kapt. D. Mooijekind, van Hull en DE FLORA, kapt. C. Klok, van Londen.
De 26e, des morgens, zeilde de ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, naar Elseneur.
De 26e, des namiddags arriveerde in Hellevoetsluis de HOOP, kapt, P.J. de Boer, van Marennes. De 27e, des morgens, zeilden MOSES, kapt. J. Falck, naar Noorwegen; DIE EENIGHEDEN, kapt. N.L. Falck, naar Drammen, en de VROUW ELISABETH, kapt. B.J. Lammers, naar Riga.
De 26e, des namiddags, te Brielle gearriveerd de ENIGE SODSKENDE, kapt. E. Grichser, van Bordeaux.
De 27e, des morgens, zeilden de HOOP, kapt. J.G. Potjer, naar Liverpool; ZELDENRUST, kapt. G.J. Kluin, naar North Shields en de CAROLINA, kapt. H. Krom, naar Noorwegen.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de VROUW JANNETJE, kapt. J. Roose, de MARIA (opm: fregat MARIE), kapt. J. Ruurds en de PELIKAAN, kapt. J.H. Ricke, naar Londen; VROUW HELENA, kapt. D.J. Greeven, naar Falmouth; DE CONCORDIA, kapt. S. Keijzer, naar Batavia, met troepen; LA CONSTANCE, kapt. P. de Boer, naar de Marennes; MAGDALENA, kapt. H.R. Lutje, naar Hull; de JUFFROUW MEES, kapt. G.L. Doornbos en de BLIJDE TOEKOMST, kapt. C.F. Komst, naar Riga; JEREMIAS, kapt. L. Sijbes, naar Leith.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE PIETER, kapt. Brons, van Nantes; MAGARETHA, kapt. Dijkhuis, van Liverpool; VRIENDSCHAP, kapt. Schut, van Le Havre; VROUW HELENA, kapt. De Vries, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloydslijst van 24 april. De KOLONIST, kapt. Wildschut, van Suriname naar Amsterdam, die de 14e april te Cowes binnengelopen is, ondergaat grote reparatie.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. De directeur van de bakens en lantarens op de Zeeuwse Binnen-stromen, zal op zaterdag 12 mei 1827, des middags ten 12 ure, in het logement het Wapen van Zeeland, te Tholen, onder nadere approbatie van Zijne Excellentie de Heer Gouverneur dezer provincie, aanbesteden: het lichten of slopen van een gezonken gaffelschip, nabij de plaat de lage Kraijer, op de Ooster-Schelde.
Middelburg, 23 april 1827, de directeur voornoemd, Dirk Appel.


  DC - Dordtsche Courant

Aan boord van de JAVA PACKET, welke 24 februari l.l. aan de Walchersche kust vergaan is, was ook een bezending voorwerpen van natuurlijke historie voor het Beijersche gouvernement, welke doctor Kollman, geboortig van Wurtzburg en zich thans te Batavia bevindende, had afgezonden. Men verzekert, dat ook enige voorwerpen, door de zorgen van de heer Dubus de Gisignies voor het museum van Brussel afgezonden, aan boord waren. (opm: zie AC 080327)


01 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 april. Het schip DOLPHIN, kapt. M.D. Meijer, van Rotterdam naar St. Thomas, is de 18e dezer op de hoogte van Lezard (opm: The Lizard) in goede staat gepraaid door kapt. D. Rooderkerk (opm: FLORA), van Liverpool te Rotterdam gearriveerd.
Het schip FORTUNA, kapt. Broekest, van St. Thomas naar Bremen, te Cowes binnen, heeft gebrek aan provisie, is ingelijks lek, waarom hetzelve bezig is met lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 april. De drie koopvaardijschepen, aan boord van welke zich de troepen van het bataillon der naar Nederlands-Indië bestemde expeditionaire afdeling, dat enige dagen geleden van Haarlem naar het Nieuwe Diep was vertrokken, bevinden, te weten de PRINS VAN ORANJE (opm: fregat, eerste reis), kapt. W. Blom, SUZANNA, kapt. P.C. de Roth (opm: fregat, eerste reis) en HELENA (opm: fregat, eerste reis), kapt. D. Grim, zijn de 26e dezer van Texel uitgezeild naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 april. De 27e, des namiddags, zeilde van Hellevoetsluis EENIGHEDEN, kapt. H. Olsen, naar Noorwegen.
De 28e dezer arriveerde DE MORGENSTER, kapt. G. de Reus, van St. Ubes, als bijlegger op order en is na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 28e, des morgens zeilden DE JONGE WILLEM, kapt. P. Jansen, naar Jersey, DE EERSTELING, kapt. H.T. Klie, naar Fiert of Fort (opm: Firth of Forth); DE ERFPRINS CARL, kapt. N. Terjesen, naar Christiaansand; DE ACHTTIEN GEZUSTERS, kapt. H. Chorfitsen, naar Nijstadt; DE JONGE GERRIT, kapt. C.L Klok, naar Newforthen; DE VOLHARDING, kapt. L. Teunis, naar Londonderry.
De 29e, des namiddags arriveerde te Den Briel de JASPERDINA (opm: tjalk), kapt. W.H. Kleindijk, van Londen, als bijlegger op order.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE NICOLAAS, kapt. Peters en GABRIEL, kapt. Bessesein, van Nantes; ELISABETH, kapt. Pijbes, van Duinkerken; JONGE WILLEM, kapt. Hartwijk, van Triëst,


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 28 april maart de brik WILLEM, kapt. H. Schaap, met twee passagiers, den 15 december vertrokken van Rotterdam.


03 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading naar Rio de Janeiro, mede voor passagiers, het Nederlands nieuw gekoperd brikschip WILLEM DE EERSTE, kapt. Langhetée, om op de 10e dezer te vertrekken. Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen, te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Suriname, mede voor passagiers, het tweedeks gekoperd fregatschip VIER GEZUSTERS, kapt. Cornelis van Zameren.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Batavia, het nieuw gebouwd en gekoperd schip DE KROONPRINSES, kapt. Henderik Martinus Heijns om de 15e mei te vertrekken; hebbende uitmuntende inrichtingen voor passagiers.
Naar Curaçao, almede voor passagiers, het tweedeks op nieuw met zink beslagen pinkschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter; ligt gereed.
Naar Suriname, het Nederlands brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulus Rijnbende, ligt gereed.
Naar Suriname, het nieuw gebouwd en gekoperd Nederlands schooner-barkentijnschip MARIA, kapt. Frans van Ginkel.
Naar Smirna, het Nederlandse brikschip DE SNELHEID, kapt. Albert van der Linden.
Naar Liverpool, het Nederlandse hoekerschip FLORA, kapt. Dirk Rooderkerk.
Naar Petersburg, het Nederlandse smakschip GEZINA JOHANNA, kapt. Jacob Remkes Sap
Adres ten kantore van Kuijper, van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 mei. Het schip ST.NICOLAAS, kapt. O. Olfers van Cephalonia naar Rotterdam is te Lissabon binnengelopen wegens gebrek aan water, alles wel aan boord.
Het schip AMALIA ELISABETH, kapt. C. de Witt van Amsterdam naar de kust van Guinea te Dartmouth met schade binnengelopen, hersteld en reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 mei. De 1e, des morgens arriveerde Zr.Ms. brik van oorlog SIRENE, luitenant Klein. DE MORGENSTER, kapt. G. de Reus, is naar boven gezeild.
De 30e passato, des namiddags, arriveerden in de Maas DE JOHANNA, kapt. R.R. Tunteler, van Boston; DE JONGE ARIJ, kapt. A. den Breem, van Bergen.
De 1e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis ’S LANDS WELVAREN, kapt. A. Rietdijk, van St. Ubes, zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild BLORA, kapt. F.A. Laming, DE LEEUW, kapt. J. Verbrugge, DE VROUW HENDRIKA, kapt. K. van den Oever, NEPTUNES, kapt. P. Waerens en DE DRIE GEBROEDERS, kapt. H. Ricke, naar Londen; DE TROMP, kapt. R.F. Nolles, naar de Marennes; CHRISTINE, kapt. D.J. Cassens, naar Hamburg, DE COCK, kapt. E. den Duijts, naar Batavia; DE GOEDE HOOP, kapt. R.E. Dik, naar Pensance; DE VICTORIE, kapt. C. Kuiper, naar Newcastle; JANTINA, kapt. H.E. Boswijk, naar Wells.
Te Antwerpen zijn gearriveerd HEMMINA, kapt. Taay, van Cette; VROUW JANTINA, kapt. Smit, van Dantzig; ENIGHEDEN, kapt. Urbije, van Messina.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zijn van mening, na gedane aangifte ingevolge de wet, op dinsdag 29 mei 1827, des namiddags ten vier ure, in het logement het Groot Hotel van Engeland op de Groote Markt, publiek te veilen en verkopen: het extra snelzeilend, onder Nederlandse vlag varende gekoperd, met koperen bouten gebouwde en met ijzeren knieën voorziene, tweedeks fregatschip, genaamd JAVA, gevoerd bij kapt. A. Schott, lang over steven 30 ellen 1 palm, wijd bij het groot luik op de berghouten 5 ellen 4 palmen 2 duimen, hol in het ruim 5 ellen 3 palmen 7 duimen, hoog tussendeks achter de grote mast 2 ellen 5 duimen en voor de grote mast 1 el, 8 palmen; groot 584 Nederlandse zeetonnen, alles Nederlandse maat, volgens meetbrief, met al deszelfs staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, volgens inventaris, zijnde uitmuntend geschikt tot overbrengen van passagiers, troepen enz., liggende in de Leuvehaven, aan de Tarwenakker, alwaar hetzelve daags vóór en op de dag der veiling door een ieder zal kunnen worden bezichtigd. Nader onderricht bij gemelde makelaars.


  DC - Dordtsche Courant

Edam, 27 april. Heden liep alhier met het beste gevolg van stapel de schoener-kof, EDAMS WELVAREN, gebouwd op de werf de Goede Verwachting, toebehorend aan de nu wijlen mevrouw de wed. J. van der Voort. Een gebeurtenis, waarvan onze stad in een reeks van jaren, de wellust niet had mogen ondervinden, doch waarvan tevens het genoegen aanmerkelijk verbitterd werd, door het smertelijk verlies, op 20 februari dezes jaars in voorn. vrouwe geleden, wier onvermoeide ijver en bijzondere hoedanigheden, zo te recht door groot en klein, werden gewaardeerd en nimmer aan de geheugenis harer stadgenoten zullen ontgaan.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 1 mei het schip HANDEL MAATSCHAPPIJ, kapt. F.H. Willers,, met 17 passagiers en 148 man Zr.Ms. troepen, den 26 december vertrokken van Amsterdam.


04 mei 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoping op zaterdag de 19e mei 1827 te Antwerpen van het Nederlands kofschip DE VROUW ELIZABETH. De heer Chs. Brequigny, scheepsmakelaar te Antwerpen, zal op zaterdag de 19e mei 1827, des namiddags te 2 uren, op de makelaarskamer boven de Beurs, te koop veilen, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte het Nederlands kofschip, genaamd DE VROUW ELIZABETH, laatst gevoerd door kapt. E.J. van der Molen, groot ruim 90 roggelasten, met alle derzelver rondhouten, staand en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften, volgens inventaris, zo als hetzelve schip laatst van Bordeaux alhier is gearriveerd, en liggende in het tweede dok dezer stad.
Iemand nader onderrichting of de inventaris-lijst begerende, vervoege zich bij bovengenoemde makelaar, of bij P.C. van der West, te Appingedam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 22 april uitgezeild het sloepschip ATALANTE, kapt. Wm. Mann, het schoenerschip LIVELY, kapt. S. Finch, beide met boter naar Londen.
De 23 dito binnen gekomen het kofschip de VIER GEZUSTERS, kapt. D. de Jong, met hout van Noorwegen.
De 24 dito binnen gekomen de kofschepen HERSTELLING, kapt. H.J. Buining, REMINA, kapt. J.G. Boon, beide ledig van Amsterdam; THERESIA JOSEPHINA, kapt. L.J. Dreijer, het smakschip ELISABETH, kapt. J.H. Koppen, het brikschip WILHELM FREDRIK, kapt. E.P. Horn, alle drie met hout van Noorwegen. Uitgezeild het kofschip de JONGE JAN, kapt. J.E. Bart, met ballast naar Noorwegen.
De 25 dito binnen gekomen het schoenerschip NORTHAM, kapt. G. Pearson, met ballast van Londen. Uitgezeild het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. N.J. Boomgaard, het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, beide met ballast naar Noorwegen.
De 26 dito binnen gekomen het schonerschip FRIENDS, kapt. John Power, met ballast van Londen; het tjalkschip de VROUW AUKE, kapt. H.A. Wolkammer, ledig van Amsterdam. Uitgezeild het brikschip FORSIGTIGHEDEN, kapt. S. Larsen, het kofschip ALIDA CLAZINA, kapt. L.E. Tiktak, het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smit, alle drie met ballast naar Noorwegen; het sloepschip MAGNET, kapt. J. Norman, met haver naar Londen.
De 27 dito binnen gekomen de kofschepen ANNA CATHARINA, kapt. B.R. de Vries, HARLINGEN, kapt. G. Korther, beide met hout van Noorwegen. Uitgezeild de kofschepen de VRIENDSCHAP, kapt. Jan Klazen, met ballast, de HERSTELLING, kapt. H.J. Buining, met dakpannen naar Noorwegen.
De 28 dito binnen gekomen het galjasschip DOLPHIN, kapt. J.H. Kreaft, met hout van Memel; het kaagschip de JONGE SIMON, kapt. K. Gnodde, met hout van Noorwegen; het schonerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, met ballast van Londen. Uitgezeild de kofschepen JOHAN WILHELM (opm: JOHAN HENDRIK WILHELM), kapt. Jan Assies, GROOT LANKUM, kapt. T.K. Mulder, met ballast naar Noorwegen en Oleron.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een visaak, voor vier jaren nieuw gemaakt, liggende aan de Poppebrug, bij Leeuwarden. Nader onderricht bij Scheepstimmerbaas Geert van der Werf, op het Vliet aldaar.


05 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 mei. Kapt. D. Rijkents, van Newhaven in Texel binnengekomen, rapporteert de 27e april jongstleden, des morgens ten 10 ure, gepraaid te hebben luitenant Moll, CURAÇAO, van Hellevoetsluis naar Curaçao, zijnde in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 mei. Het schip DE VRIENDSCHAP, kapt. H.H. Kraan, van Embden naar Amsterdam, is volgens brief van Delfzijl van de 28e april, de 25e dito door hulp van loodsschuiten met aanzienlijke schade in de haven van Zoutkamp binnengekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 mei. De 2e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis DE JONGE HEILKE
TROMP, kapt. W. Willems, van Cette; zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 4e, des morgens zeilden van de Maas DE TWENDE BRODRE, kapt. N.N. Bruun, naar Nijstadt; DE TWENDE SUSTRE, kapt. R.R. Rocharije, naar Elseneur en arriveerde DE GOEDE HOOP. Kapt. P.J. de Vries, van Wismar en DE JONGE GERRIT, kapt. P. de Best.
Te Antwerpen zijn gearriveerd CATHARINA, kapt. Schippers, van Malaga en HOOP, van Duinkerken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars te Rotterdam, zijn van mening, als last hebbende van hun meesters en na gedane aangifte en ingevolge de wet, publiek te veilen en verkopen, op dinsdag 29 mei 1827, des namiddags ten vijf ure, in het logement, genaamd het Groot Hotel van Engeland op de Groote Markt: het snelzeilend en onder Nederlandse vlag varende gekoperd tweedeks fregatschip, genaamd INDUSTRIE, laatst gevoerd geweest door kapt. D.J. Bulsing, lang over steven 28 ellen 1 palm, wijd 5 ellen 6 palmen 9 duimen, hol 4 ellen 1 palm 7 duimen, groot 296 Nederlandse tonnen, volgens meetbrief in dato de 3e maart 1826, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, geschut, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, waaronder een kettingkabel en een geheel nieuw touw; zijnde het te veilen fregatschip zeer geschikt tot het overbrengen van passagiers en troepen, uit hoofde van deszelfs ruime kajuit en hoog tussendek, zullende de veiling van het schip eerst geschieden met en benevens hetzelfs gehele inventaris en toebehoren in eens en bij elkander, volgens de voortehangene lijst en daarna bij kavelingen en wel met n.º 1 het hol met deszelfs daarin staande masten, boegspriet, braadspil, gangspil, roer, roerpen, rusten en puttings, zo als hetzelve is liggende in het Zalmgat, achter de werf van de heer J. Glavimans in de Houtstraat en vervolgens de goederen liggende op de voorschrevene werf, te beginnen met n.º 2. Kunnende daags vóór en op de dag der veiling door een ieder worden bezichtigd. Nadere onderrichting bij bovengemelde makelaars.


08 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

De 5e, des morgens, arriveerde in de Maas DE DRIE GEBROEDERS, kapt. L. Maasdijk, van Londen en des namiddags DE SNELHEID, kapt. H.P. de Jonge, van Cette.
De 6e, des morgens, zeilde ST. JOHANNES, kapt. J. Petersen, naar Bergen.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE HARMONIE, kapt. W.H. Lange, naar Leith.
Te Antwerpen zijn gearriveerd BRABANDER, kapt. R.R. de Haen, van Cette; GOEDE HOOP, kapt. Wilkens, MEDUSE, kapt. Bonemeijer en JONGE JOHANNA, kapt. Poel, van Londen GOEDE HOOP, kapt. Groot, van Matanzas.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 7 mei. Aan deze stad is gearriveerd het schip PETER, kapt. B.J. Borchers, van Bristol, met ijzer en tin.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Texel, 5 mei. Den 6 mei binnen het schip (opm: fregat) de WELVAART, kapt. C. Koert van Berbice en J. Marris van Londen.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd: den 6 mei de schepen MARY EN HILLEGONDA, kapt. Glazener, met twee passagiers, den 26 december vertrokken van Rotterdam, en BARON VAN DER CAPELLEN, kapt. Peter, met 8 passagiers en 73 man Zr.Ms. troepen, den 26 december van Amsterdam vertrokken.


10 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam ligt in lading naar Petersburg het Nederlandse kofschip, DE GOEDE VERWACHTING, kapt. Berend Jans Goossens, om de 15e te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 mei. De 8e, des morgens, zeilde van Hellevoetsluis Zr. Ms. brik van oorlog SIRENE, luitenant Klein, naar Londen; MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil en MARIA AGNITA, kapt. P. Rijnbende, naar Suriname en COLUMBUS, kapt. J. de Gorter, naar Curaçao.
De 7e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE VROUW CATHARINA, kapt. C. Geerts, van Lubeck.
De 8e, des morgens, zeilde DE PETER EN MARIA, kapt. C.P. Eggers, naar Londen; DE EENIGE ZUSTER, kapt. E. Erichsen, naar Bergen; DE ATLAS, kapt. J. Croos, naar Memel..
De 8e, des namiddags, arriveerde in Hellevoetsluis JEANNETTE, kapt. H.G. Winter, van Riga; CATHARINA MARIA, kapt. J.C. Dircks, van Libau.
De 9e, des morgens, zeilden HESPERUS, kapt. H.P. Mulder, naar Dartmouth; DE STAD ROTTERDAM, kapt. C. Poort, naar Batavia en Canton in China.
De 8e, des namiddags, zeilde de JASPERDINA, kapt. W.H. Kleindijk, naar Shoreham.
De 9e, des morgens, zeilden DE FLORA, kapt. C. Klok, naar Londen; DE MARIA EN ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, naar Liverpool.
Door kapt. H.P. de Jonge, voerende het kofschip SNELHEID, is op de 25e april, bij Goudstraat, gepraaid het schip CONCORDIA, kapt. Keijser, van Antwerpen naar Batavia; aan boord was alles wel.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild JOSEPH, kapt. J.H. Arends en DE GOEDE VERWACHTING, kapt. W.H. Mulder, naar Petersburg en DE LIEFDE, kapt. H. Fokker, naar Hull.
Te Antwerpen zijn gearriveerd OROMAZE, kapt. Roelofs, van Batavia, VROUW ASINA, kapt. Drent, van Le Havre, ANTWERPER, kapt. Schutt, van Marseille; VROUW JACOBA, kapt. Groot, van Dantzig en PAULINA, kapt. Jossens en ANNA KRANENBURG, kapt. Smet, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 mei. De 29e der vorige maand is onder de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea) van Het Kanaal door een Texelse loodsschipper gepraaid kapt. R.F. Mellema, voerende het schip DE JONGE SIJBRAND, van Malaga naar Lubeck en Stettin.
Volgens brief van kapt. W. Blom, voerende het nieuw gebouwde fregatschip DE PRINS VAN ORANJE, van Amsterdam naar Batavia en Canton, van 30 april, was hetzelve, benevens het schip HELENA, kapt. Daniel Grim, mede van Amsterdam naar Batavia en Canton, in goede staat zeilende op de hoogte van Plymouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De weduwe van kapt. John Callow, gevoerd hebbende de op de 9e januari jongstleden verongelukte packet MARSHALL BLUCHER, betuigt bij deze hartelijk dank aan hen, die door derzelver milde bijdragen haar treurig lot verzacht en een gelegenheid geopend hebben om in het onderhoud van haar en hare vaderloze wezen te voorzien, terwijl het bewijs, dat de bijeen verzamelde penningen behoorlijk aan haar overhandigd zijn, ter visie ligt ten kantore van de heer J. van Ommeren Fz. te Rotterdam.
Londen 4 mei, 1827.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 8 mei. Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en van onze rede naar zee gezeild de FREDERIKA (opm: schoenerkof FREDERICA, thuishaven Gent; eerste reis), kapt. P. van den Kerckhove, naar de Havannah, met stukgoederen.


11 mei 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Tien à twaalf scheepstimmerknechts, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen dadelijk voor een jaar of langer werk bekomen tegen het hoogste loon in Friesland, bij Joh. D. Alta, te Harlingen. Brieven franco.


12 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 mei. De 9e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis het schip DE JONGE JACOBA, kapt. J. Amiraal, van Batavia.
De 10e, des namiddags, zeilde van Hellevoetsluis HARMONIE, kapt. J. Stroobuur, naar Fredrikshaven.
De 10e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE DIANA, kapt. C.H. Nieman, van Libau.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE TWEE GEBROEDERS, kapt. D.F. Doornbos, naar Arbroath, DE VRIENDSCHAP, kapt. H.J. Ketelaar, naar Petersburg; DE VROUW MARGARETHA, kapt. W. Tobbens, naar Hamburg en DE COMMERCE, kapt. A. de Vries, naar Londen en DE JUFFROUW TITSIA, kapt. D.G. Schuur, naar Bristol; FREDERIKA (opm: schoenerkof FREDERICA, thuishaven Gent; eerste reis), kapt. P. van den Kerckhove en JAVA, kapt. H. Hoopen, naar de Havannah; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. L.E. Scherpbier, naar Wisbach.


  DC - Dordtsche Courant

’s Gravenhage, 9 mei. De reeds voor enige weken medegedeelde tijding van onderwerping aan het Nederlandse gezag van een der hoofd-muitelingen op Java, de prins Mangkee di Ningrat, wordt thans bevestigd door officiële berichten van de commissaris-generaal van Nederlands-Indië, gedagtekend Sourabaya, 12 december j.l. en aangebracht met het schip ELIZA.
Men verwachtte van deze gebeurtenis zeer goede gevolgen tot herstelling der rust, en de teruggekeerde prins had reeds dadelijk met de zijnen deel genomen aan de bestrijding der muitelingen.
Bijzonder worden te dezer gelegenheid geroemd de maatregelen, door de resident van Kadoe, de heer Velck, en de kolonel Cleerens, de mobiele macht aldaar kommanderende, tot het wel gelukken van de bedoelde gebeurtenis genomen.
Over het algemeen hadden de zaken een gunstiger aanzien gekregen; de vijand was, sedert het ingevallen regenseizoen, werkeloos gebleven, terwijl de onzen dat jaargetijde in de opgeworpen sterkten doorbrachten.


  DC - Dordtsche Courant

De ondergetekende Directeuren der Dordrechtsche Scheeps-Reederij, verzoeken bij deze hunne mededeelhebbers, overeenkomstig Art. 7 van de Acte van Deelneming, om op nieuw voor of op den 15 juni aanstaande 20 prCt. te willen fourneren bij den eerst ondergetekende, Vest, Lett. C. No. 1396, tegen daarvoor af te geven quitantie.
Dordrecht, 11 mei 1827, N. Roodenburg; J.S. Vriesendorp; Jacobus de Voogd.


15 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 mei. Het schip AURORA, kapt. A. Ahlers, van Suriname naar Amsterdam, was de 10e dezer op de hoogte van Wijk aan Zee, als ook het schip DE NEDERLANDER, kapt. C. Hofker, van Berbice naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 mei. Zr.Ms. schip WATERLOO is de 9e dezer van Deal naar Batavia gezeild.
De 11e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis CHARLOTTA, kapt. J.C. Spiegelberg, van Libau.
De 11e, des namiddags, arriveerde in de Maas JACOBA, kapt. H.R. Grimminga (opm: kof VROUW JACOBA), van Memel.
De 12e, des namiddags, arriveerden DE DRIE GEBROEDERS, kapt. H.H. Brons, van Grijfswald; DE JONGE CAROLINA, kapt. A.H. Oortjes, van Hull.
De 13e, des morgens, zeilde DE FLORA, kapt. D. Rooderkerk, naar Liverpool.
De 13e, des namiddags, arriveerden te Hellevoetsluis MARIA LOUISA, kapt. C.T. Schmidt, van Memel en zeilde de VIER GEZUSTERS, kapt. C. van Zameren, naar Suriname.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 12 mei. Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en van onze rede naar zee gezeild L’AVENTURE, kapt. J. de Visscher, naar de Havannah, met stukgoederen.


  BC - Bataviasche Courant

Soerabaija, 6 mei. Aangekomen het schip FREDERIK( opm: fregat FRÉDÉRIQUE), kapt. J. Brand, van Batavia.


17 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 mei. De 15e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis DE JUFFER WILLEMINA LOURENTIA, kapt. J.J. Swatt, van Oleron.
De 14e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE JONGE JOHANNIS, kapt. M. Nemsow, van Libau.
De 15e, des morgens, zeilden DE GESINA JOHANNA, kapt. J.K. Sap, naar Petersburg; DE HOOP, kapt. H.H. Barker en BUITENVERWACHTING, kapt. C. van der Plas, naar Hull; DE DOLPHIJN, kapt. L.J. Kröger, naar Newcastle; DE MARGARETHA, kapt. J. Verdoes, naar Riga; DE ANNA CATHARINA, kapt. H.A. Blije, naar Bandela; DE VROUW JANTINA, kapt. C.O. de Vreede, naar Hamburg en DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, naar Sandwich.
De 15e, des namiddags, arriveerde te Hellevoetsluis DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Marennes.
De 16e, des morgens uit de Maas, DE TWEE GEBROEDERS, kapt. R. de Vries.
DE DRIE GEZUSTERS, kapt. B.A. Bonn, naar Bremen en DE VROUW ELLEGINA, kapt. W.J. Pannan.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JONGE JACOBUS (opm: JONGE JACOB), kapt. J. Bauwens, naar Londen en HAZINA MARGARETHA, kapt. J.R. Schippers, naar Leith.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 mei. Het schip DE ZEEUW, kapt. C. Riekels, heeft de masten verloren en is den 30 januari Mauritius binnengelopen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 16 mei. Aan deze stad is gearriveerd het schip de JUFVROUW WILHELMINA LOURENTINA, kapt. J.J. Swart, van Oleron met zout.


  DC - Dordtsche Courant

Zijner Majesteits schip WATERLOO is den 9 dezer van Deal naar Batavia gezeild.


18 mei 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

London, 9 mei. Het Koninklijk Nederlands oorlogsschip WATERLOO, onder bevel van de kapitein ter zee A. van Dalen, is uit de haven van Sheerness gezeild, en de 7e mei te Deal binnengelopen.


19 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Het schip ARGYLE, kapt. D. Spreeuw, van Amsterdam naar Suriname, met schade uit zee in Texel terug, is de 15e mei te Amsterdam teruggekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei.Aangaande het schip DE ZEEUW, kapt. C. Riekels, van Canton naar Middelburg, te Mauritius binnen, meldt men van Kaap de Goede Hoop van de 28e februari, dat de vorige dag aldaar bericht was ontvangen, dat hetzelve, na tussen Madagascar en Mauritius door een zware orkaan belopen te zijn geweest, waardoor de stengen verloren gegaan waren en het tuig zware schade bekomen had, de 27e januari te Mauritius was binnengelopen, om te repareren. Men meldt echter niet dat de lading enige schade zou bekomen hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei.Het schip JOANNES ARNOLDUS, kapt. P.J. Kerkhoven, zou de eerste en het schip IPENRODE, kapt. A.F. Oosterloo, de 15e april van Suriname vertrekken, beiden naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 mei. De 17e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DIDO, kapt. J.M. Seepe, van Batavia, laatst van Kaap de Goede Hoop.
De 18e, des morgens JOHANNA, kapt. H.T. Mulder, van Marennes en CATHARINA MARIA, kapt. J.C. Kroeft, van Dantzig.
De 17e, des namiddags, zeilden uit de Maas DE JONGE GERRIT, kapt. F. de Best en DE VROUW ANTONIA, kapt. W. Maas, naar Hull.
De 18e, des morgens, arriveerden DE VROUW NEELTJE, kapt. J. van Gelderen, van Lissabon en de HELENA, kapt. T.D. Leeuw, van Hamburg.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de JOHANNA, kapt. J.C. Moller, naar Londen en DE VRIENDSCHAP, kapt. R.Z. Schut, naar Wisbach.
Te Antwerpen is gearriveerd AGNES, kapt. Maxton, van St. Domingo.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Barge WILLEM DE EERSTE.
De ondergetekende heeft de eer het publiek door deze te berichten, als dat deze barge volmaakt ingericht zijnde, tot het gemakkelijkste vervoer van passagiers en goederen, op zondag de 27e mei 1827 een aanvang zal nemen, met de vaart tussen Amsterdam en Utrecht, over Weesp, langs de Stille Vecht, over Nederhorst den Berg, Vreeland, Loenen, Breukelen en Maarssen; zullende dezelve het traject binnen de tijd van 6 à 7 uren volbrengen, de vrachten zowel voor passagiers als goederen, zijn op de minst mogeljkste prijzen gesteld, ook zullen de passagiers zich van alle verversingen aan boord der barge kunnen laten bedienen; de volgende dagen van afvaart, zo van Amsterdam als van Utrecht, zullen nader geadverteerd worden.
Amsterdam, de 18e mei 1827, H.W. Heyman, directeur.


  DC - Dordtsche Courant

Antwerpen, 17 mei. De kamer van koophandel en fabrieken alhier heeft ter kennis van het handeldrijvend publiek gebracht, dat bij het ministerie van buitenlandse zaken is ingekomen een bericht van de Nederlandse consul-generaal te Lissabon, houdende, dat aldaar bij koninklijk besluit van 3 maart ll. aan de inspecteurs der douanen is aanbevolen te waken voor te stipte uitvoering der vroegere reglementen, vorderende dat alle gezagvoerders van schepen, welke uit vreemde plaatsen aankomen, wanneer zij hunne aangifte aan douane doen, tevens de originele cognossementen en manifesten van hunne lading moeten aanbieden, welke door de Portugese consul in de haven, van waar zij vertrokken zijn, moeten gelegaliseerd wezen, en verder geen schip toe te laten dat niet van deze stukken voorzien is.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Verkoping van een goed geconserveerde en snelzeilende paviljoenschuit, groot 34 tonnen, lang over steven 17 ellen, met al deszelfs staande en lopend wand, zeilen en ankers, liggende in de haven te Numansdorp, op zaterdag 26 mei 1827,’s namiddags ten drie ure, ten huize van Antonie ’t Hooft, veerman te Numansdorp, bij wien de nodige informatien te bekomen zijn.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 18 mei. Aan deze stad is gearriveerd het schip de TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Vendu-departement. Openbare verkoping op vrijdag 25 mei 1827, precies te 11 ure, voor rekening des boedels van wijlen J. Lautier, de galjas (opm: later omschreven als schoener) genaamd TRANSFER, groot circa 137 ton, met deszelfs inventaris, zo als dezelve aan de rivier bij de boom (te Batavia) is liggende.


22 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 mei. Gisteren is door de loodsschipper C. Molenaar, Terschelling Z.O. 2 mijlen van zich in goede staat gepraaid het schip DE VROUWE REGINA, kapt. E.J. Karst, bestemd naar Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. De 18e, des namiddags arriveerden te Antwerpen HERCULES, kapt. J. Horelsrud, van Bordeaux; de 19e, des morgens, VREEDE EN VRIENDSCHAP, kapt. W. van der Kolff, van Suriname.
De KONING DER NEDERLANDEN, kapt. S. van Delden is van de quarantaine ontslagen en naar boven gezeild.
De 19e, des namiddags, arriveerden MARIA, kapt. J.T. Brouwer, van Libau en ST. NICOLAAS, kapt. O. Olfers, van Cephalonia.
De 19e, des morgens, arriveerden in de Maas DE JONGE GERRIT, kapt. L. Hus, van Londen, DE VERWACHTING, kapt. H. Jerdes, van Libau.
De 20e, des morgens, DE VROUW TRIJNTJE, kapt. Heijie (opm: hektjalk, kapt. A.J. Meijer), van Wismar, BROEDERLIJKE LIEFDE, kapt. J.A. van der Wal en ST. JOHANNIS, kapt. M.F. Stregelt, van Dantzig; DE VROUW FEMMINGA, kapt. A.K. Braam, van Christiaansand; DE VROUW HENDRIKA, kapt. L.K. de Jonge, van Koningsbergen en DE VROUW JEANNETTE, kapt. A. Groothuis, van Memel.
De 20e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis CATHARINA, kapt. C. Niemann en MARIJE, kapt. E. Durent, van Libau en TANCHON, kapt. H. Nieman, van Windau; de 21e, des morgens, ST. JACOB PHILIP, kapt. J. Bruss, van Riga.
De 21e, des morgens, arriveerde in de Maas DE BROEDERLIEFDE, kapt. A.A. van der Wall, van Koningsbergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Kapt. Th. Versluijs, voerende het schip VASCO DA GAMA, de 17e dezer te Vlissingen gearriveerd, heeft het volgende medegedeeld:
Bij mijn vertrek met het Nederlands schip VASCO DA GAMA, de 2e febr. ll., van Port Louis, eiland Mauritius, was aldaar in averij liggende het volgende schip:
Het Nederlandsch fregatschip DE ZEEUW, kapt. C. Riekels, de 27e januari te Port-Louis gearriveerd, van Canton naar Middelburg, is, in de morgen van de 2e dier maand, op 12º46' Z.breedte, 99º10' lengte oost van Greenwich, mede door een orkaan belopen, die het schip aan bakboords-zijde geheel onder water smeet, waardoor verschansing, regeling, stutten, sloep en davids wegsloegen. Het schip kreeg veel water door de gaten der gebroken stutten en potdeksels naar binnen. Het weer bedaarde. Ten 5 ure des avonds barstte eensklaps een orkaan uit, die het schip over stuurboords-zijde tot aan de grote luiken te water smeet. Alles sloeg aan die zijde weg, van verschansing, stutten enz. In de eerste wacht, tussen 9 en 10 ure, waaide het verschrikkelijk en het schip niet meer willende rijzen, liet de kapitein de stengen neer, waardoor de top der fokkemast en meer rondhouten braken. Het schip rees echter weder. De 3e januari, ten 3 ure na middernacht, bedaarde het weder; men pompte gestadig, maar het water zwart zijnde, onderstelde men dat een gedeelte der lading zoude bedorven zijn. De eerste februari begon men te lossen, om de schade der lading te bezichtigen en het schip, dat in het bovenwerk vreselijk ontzet was, te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Te Antwerpen zijn gearriveerd LEEUW, kapt. Jansen, van St. Jago; DRIJDEN MAGARITA, kapt. Hedden, van Dantzig; MINERVA, kapt. Mooij, van Londen; JOHANNA, kapt. Claessen, van Palermo, VASCO DA GAMA, kapt. Versluijs, van Mauritius en AMAZONE, kapt. E. van der Zweep, van Rio-Janeiro (opm: het fregat AMAZONE werd vermoedelijk na lossing in Antwerpen opgelegd en in november 1828 verkocht voor de sloop).


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 21 mei. Ten bewijze hoezeer deze stad voor de grote zeehandel allergunstigst gelegen is, kunnen wij met genoegen melden, dat het schip NEERLANDS KONING, groot ongeveer 1000 Nederlandse zeetonnen, gevoerd door kapt. K.P. Schinkel, en toebehorende aan de heer A. van Hoboken te Rotterdam, met genoegzame lading niet alleen, maar ook met 150 man troepen met bijbehorende bagagie aan boord, en dus geheel gereed om dadelijk in zee te steken, op gisteren van deze stad is afgevaren, onder een toevloed van aanschouwers, en het lossen van een aantal saluutschoten van dien bodem. De troepen, met 2 lichters alhier aangebracht, waren daags te voren van dezelve op NEERLANDS KONING overgegaan.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen 18 mei. Kapt. Th. Versluys, voerende het schip VASCO DA GAMA, heeft, op de hoogte van Dover zeilende, gezien het schip CORNELIS HOUTMAN, kapt. Duyf, van Canton naar Amsterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Van Japara wordt ons onder dagtekening van den 16 dezer het volgende geschreven.
In de avond van den 11 dezer, is hier binnen gevallen de brik SARA, gevoerd door de eigenaar Johannes Kasperman, komende van Samarang en gedestineerd voor Soerabaija.
Dat vaartuig is op die dag, op de hoogte van de zogenaamde Rooden Hoek, bewesten het eiland Mandalieka, van 's morgens met het aanbreken van de dag, met tussenpogingen, tot omstreeks 2 ure in de namiddag, slaags geweest met twee grote zeerovers vaartuigen, elk voerende 2 vier ponders en 4 lila's (opm: soort licht geschut)
Van de equipage, welke uit 11 manschappen bestond, zijn twee zwaar geblesseerd, waarvan een de volgende dag daarop hier is overleden.
De eigenaar heeft al zijn ammunitie verschoten en bovendien zijn toevlucht genomen tot kopergeld, waarschijnlijk van de zogenaamde bonken, waarvan hij de waarde van 150 gulden heeft verschoten.
Naar zijn verhaal moet de schade aan de zijde van de rovers aanmerkelijk geweest zijn, daar zij gedurende het gevecht onderscheiden malen geblesseerden verzonden hebben naar een maijang vaartuig, dat zij bij zich hadden en op een zekere afstand ten anker was gegaan en vandaar andere manschappen afgehaald.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 12 mei binnen gekomen het tjalkschip de VROUW GRIETJE, kapt. E.R. Smilde; het kofschip GEZINA, kapt. B.A. Visser, ledig van de Joure; het smakschip HOOP, kapt. J.J. Hut, met hout van Noorwegen.
(opm: na het stranden van de HOOP – zie o.a. AC 240127 verkreeg kapt. Hut reeds op 1 maart een nieuwe zeebrief voor het schip TWEE GEZUSTERS; dat hij dit schip onder de naam HOOP zou hebben ingeklaard moet op een vergissing berusten; of hier van hetzelfde schip sprake is kon niet worden aangetoond)
Uitgezeild de schoenerschepen LIVELY, kapt. S. Finch, UNION, kapt. A. Gallaway, met boter naar Londen.
De 15 binnen gekomen het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra; de smakschepen de VROUW CATHARINA, kapt. N.J. Boomgaard; de VROUW PETRONELLA, kapt. P.E. de Jong; LAMMEGINA, kapt. O.P. Smith; het galjasscheepje ANNA, kapt. P. Lonwig, met hout van Noorwegen. Uitgezeild de kofschepen ANNA CATHARINA, kapt. B.R. de Vries; JOHANNA, kapt. Jonner; het galjasscheepje DIE GODE VENNER, met ballast naar Noorwegen; het schoenerschip PROBITY, kapt. J. Harris, met haver naar Londen; het tjalkschip ANNA ELISABETH, kapt. S. Harkes, met steen naar Hamburg.
De 16 binnen gekomen de kofschepen ALIDA, kapt. Jan Huges; de VROUW CATHARINA, kapt. L.H. Singer; de galjasschepen VENUS, kapt. P.C. Steigerth; AURORA, kapt. J.H. Wilken; de tjalkschepen ONRUST, kapt. E.R. de Jonge; PIETERDINA, kapt. H.R. Duit, alle zes met hout van de Oostzee; het smakschip de JONGE DOUWE, kapt. H.M. Gnodde, met hout van Noorwegen; het brikschip REALISATION, kapt. J. Bäckstrom, met teer van Stockholm. Uitgezeild het tjalkschip de JUFFER HENDRIKA, kapt. B.H. Engelsman, met pannen naar Hamburg.
De 18 binnen gekomen het kofschip de VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd; de smakschepen de JONGE GEERTRUIDA, kapt. O.F. de Haan; CONCORDIA, kapt. R.P. Dik; de VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Valom, met hout van Noorwegen; het galjasschip DIE WOLFAHRT, kapt. J.M. Facks, met hout van de Oostzee. Uitgezeild het smakschip HOOP, kapt. J.J. Hut; het tjalkschip de VROUW GRIETJE, kapt. E.R. Smilde; de kofschepen de JONGE JAN, kapt. J.E. Bart; de VROUW ANTJE, kapt. D.K. de Groot; de VRIENDSCHAP, kapt. Jan Klasen, met ballast naar Noorwegen.


24 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Suriname, het nieuw gebouwd en gekoperd Nederlandsche schoener-barkentijnschip MARIA, kapt. Frans van Ginkel.
Naar Petersburg, het Nederlandsche kofschip DE GOEDE VERWACHTING, kapt. Berend Jans Goossens, ligt gereed
Adres ten kantore van Kuijper, van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 mei. Volgens brief van Rio de Janeiro van de 28e februari was het proces wegens het schip WILHELMINA EN MARIA, kapt. J. Boelen Jzn., van Amsterdam naar Zuid-Amerika, enige dagen te voren, na vele moeite en onkosten, gewonnen, zijnde hetzelve geheel vrijgesproken en de kapitein in de sententie aangewezen geworden zich voor de schade en kosten aan de nemers te houden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 mei. Te Batavia is in goede welstand aangekomen kapt. Van den Broeke, het Nederlandsch schip FORTITUDE.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 mei. De 21e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog SIRENE, luitenant Klein, van Riga.
De 22e, des morgens, arriveerden FREDERICA, kapt. C.T. de Witt, van Windau en VROUW LUBBIGIJNA, kapt. K.H. de Weerd, van Memel.
De 22e, des morgens zeilden uit de Maas MAAS, kapt. J. Blake, naar Londen; DE TWEE VRIENDEN, kapt. D.R. Dirks, naar Hull en DE VROUW GEERTRUIDA, kapt. R.R. Tinteler, naar Dartmouth.


26 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Bordeaux het Nederlandsche smakschip CONCORDIA, kapt. Cornelis Ouwehand. Adres ten kantore van Kuiper, van Dam en Smeer


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 mei. Van Helvoetsluis wordt van de 23e gemeld, dat arriveerden, Zr.Ms. brik van oorlog VALK, luitenant van Es; CATHARINA MARIA, kapt. P.A. Bradhering, van Riga.
De 22e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE TWEE GEBROEDERS, kapt. K.H. Sprik, DRIE GEZUSTERS, kapt. M. Tindt en BOUTJE JOHANNA, kapt.K.D. Ekamp, van Libau; DE GOEDE HOOP, kapt. H.K. Pott, van Koningsbergen.
De 24e, des morgens, arriveerden te Helvoetsluis ELISABETH CORNELIA, kapt. J. Parlevliet; MARIA, kapt. J. Sikkes, DE VLIJT, kapt. E.E. de Vries en DE VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap, van Marennes.
De 24e, des morgens, zeilde uit de Maas JOHANNES EN WILHELMINA, kapt. D. Mooijekind en DE VRIENDSCHAP, kapt. T.G. van Rhijn, naar Hull; PROVIDENTIA, kapt. P. Arents, naar Pernau; DE ONVERWAGT, kapt. W. Poort, naar Archangel; ANNEGINA, kapt. J.R. Kuiper en DE GOEDE HOOP, kapt. P.J. de Vries, naar ……. en arriveerden DE VOLHARDING, kapt. C. Goederaad, van Lissabon.
De 24e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis LOUISE, kapt. D. Guijt, van Marennes en de 25e, des morgens, GUIANA, kapt. F. Popken, van Suriname.
De 24e, des namiddags arriveerde te Brielle DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Koster, van Libau; DE ZEEMEEUW, kapt. D.M. Noordhoek, CONCORDIA, kapt. C. Ouwehand en AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, van Bordeaux; DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt.G. Metzon, van Lissabon; de 25e, des morgens, zeilde DE VROUW JACOBA, kapt. H.R. Grimminga, naar de Oostzee.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JONGE JOHANNA, kapt. J. van Puijvelde, naar Londen; MAGARETHA, kapt. H.J. Dijkhuis, naar de Marennes; DE ELISA, kapt. T. Azon Jacometti, naar Carthagena; DE ONDERNEMING, kapt. F.G. Klip, naar de Havannah; REBECCA, kapt. J. Andersen, naar Hull; AUGUSTIN, kapt. J.F. Bunnemeijer, naar Batavia en DE VROUW HELENA, kapt. S.C. de Vries, naar Leith.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW MARIANNE, kapt. C. van der Weeg, van Londen; CATHARINA JOSEPHINA, kapt. Muntendam en JOSEPHUS, kapt. Bakker, van Marennes; GOEDE HOOP, kapt. Hoetjer, van Dantzig; JAN JOSEPH, kapt. Heuvel, van Memel; FORTUNA, kapt. Behrendt, van Pillau; ALBERDINA, kapt. Maak, van Bremen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloyd’s Lijst van 22 mei: DE HOOP, kapt. Van Dijk (opm: hoeker, kapt. Matthijs van Dijk), van Rotterdam naar Port-au-Prince, is de 26e maart, volgens bericht van Aux-Cayes (opm: Les Cayes), bij Isle Vache (Île à Vache) verongelukt. Het volk en drie duizend dollars zijn geborgen, doch de lading is weg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Arrivementen: Te Dantzig J.G. Sap (opm: kof AUGUSTE) van Antwerpen.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia zal met den eersten vertrekken: het snelzeilend gekoperde fregat-schip HET SCHOON VERBOND, gevoerd bij kapt. Dirk Kraijer; personen of families van deszelfs bijzonder geschikte inrichting, tot de ontvangst naar Java, wensende gebruik te maken, gelieven zich te vervoegen aan de cargadoors van Olivier & Co., en Hoyman & Schuurman te Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 25 mei. aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VLIJT, kapt. E.E. de Vries; de MARIA, kapt. J. Sikkes; de VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap, en ELISABETH CORNELIA, kapt. J. Parlevliet Jr., alle vier van Marennes, en de VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, van Oléron, alle vijf met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Op den 11 dezer is ter rede van Samarang gearriveerd Zr.Ms. schoener ZEPHYR, gecommandeerd door de luitenant der 1e klasse Schuler, op sleeptouw hebbende een twee- koijangs praauw, door hem den 9 dezer bij de rivier Roban, op de zeerovers hernomen.
Gemelde praauw was geheel ledig en ontbloot van tuig.


27 mei 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G.W. Posthuma, te Dokkum, zal op dinsdag den 29 mei e.k., des morgens ten 10 uren, ten huize van de weduwe Looijenga, in het Koffijhuis op de Langeweg aldaar, publiek, bij gereed geld, presenteren te verkopen het hol of wrak van het met koperen bouten en pennen voorzien gestrande Amerikaans fregat schip, PHILIP, van Baltimore, zittende op de gronden nabij het Moddergat onder Nes, met de navolgende van hetzelve geborgen goederen, als 2 masten met stengen, 1 boegspriet, 1 jagerstok, 2 pompen, 1 stag en verder touwwerk, 36 ijzeren puttings met blokken, metalen buizen en enig ijzerwerk. Zullende drie dagen voor den verkoop aan de gegadigden gelegenheid tot bezichtiging van het hol of wrak worden gegeven. (opm: het schip PHILIP was op 18 maart 1827 aldaar (opm: Moddergat) gestrand)


29 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 mei. Het schip VREEDE EN VRIENDSCHAP, kapt. W. van der Kolff, van Suriname te Rotterdam gearriveerd, heeft op deszelfs reize op een drijvend wrak gestoten en daardoor een gedeelte der spijkerhuid verloren, mitsgaders zwaar lek bekomen, weshalve de kapitein voor schade aan de lading vreest (opm: zie RC 131027).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 mei. Volgens brief van kapt. C. Swan, voerende het schip IDA ALEIJDA, de 12e januari 1827 ter rede Wampoa, was zijn schip volladen, zo dat hij hoopte de 14e dito de terugreis te zullen kunnen aannemen, zijnde hetzelve, benevens de equipage, in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 mei. Kapt. P. Bakker, voerende het schip BRISEIS, de 25e dezer in Texel van Smyrna binnengekomen, heeft de 1e dezer in het nauw van de straat bij Gibraltar gepraaid kapt. C.B. Platte van Livorno.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 mei. De 25e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VREEDE, kapt. R.W. de Vos, van Oleron.
De 26e, des namiddags, arriveerde DE WILHELMINA, kapt. P. Cordia, van Marennes.
De 25e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, van Bordeaux; de 26e, des morgens, zeilden DE PRINS VAN ORANJE (opm: bom), kapt. P. Kuijt, van Mandahl; DE TWEE GEBROEDERS. kapt. L. Maasdijk, naar Newhaven; DE VROUW CATHARINA, kapt. C. Geerts, naar Londen; NEERLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden, naar St. Ubes; DE CATHARINA ELISABETH, kapt. F. Wachter en DE CASTOR EN POLLUX, kapt. H.H. Horn, naar Pernau; DE VROUW NEELTJE, kapt. J. van Gelderen, naar Lissabon; ’S LANDS WELVAREN, kapt. A. Rietdijk, naar Gibraltar, DE WILHELMINA MARIA, kapt. C. Goetzman, naar Bordeaux en DE DIANA, kapt. C.H. Nieman, naar Reval; zijnde alles wel in zee aangekomen.
De 26e, des namiddags, zeilden van Brielle DE VROUW ANNA, kapt. H.C. Uil, naar Drammen; DE JONGE WILHELMINA LAURENTIA, kapt. J.J. Swart, naar Oleron en arriveerde de 27e, des morgens, DOLPHIJN, kapt. H. Simons, van Yarmouth, als bijlegger op order en zeilden DE ANNA MARGARETHA, kapt. J. Langhinrich, naar Riga en DE EENDRAGT, kapt. J. Wemmerus, naar Gibraltar.
De 27e, des namiddags, arriveerden te Brielle DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, van Santwich; de VEENSTROOM, kapt. S.E. Hoveling en DE GOEDE HOOP, kapt. D.H. Puijster, van Marennes; NEPTUNUS, kapt. H.P. Mulder, van Hull en DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, van Lissabon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 mei. Te Rio-Janeiro is, de 9e maart laatstleden, binnengelopen het schip MIDDELBURG, kapt. F. Jonker, naar Batavia; schip, equipage, passagiers en troepen waren in de beste staat. Na het innemen van water hoopte de kapitein dadelijk zijn reis te vervorderen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd EENDRAGT, kapt. Dullewijns, van Londen; WILHELMINA, kapt. Jurgenson, van Batavia; REINE, kapt. Koops, THÉRÈSE, kapt. J. Poodts, THERESIA, kapt. Besseling, JULIA, kapt. Visser, MARIA ANNA, kapt. Brons, TROMP, kapt. Nolles, JONGE RENTES, kapt. Huisman en TWEE GEBROEDERS, kapt. Potjewijd, van Marennes; ELISABETH, kapt. Bond, van Newhaven; GOEDE HOOP, kapt. Fijn, van St. Martin; HENDERIKA, kapt. Harding, van Cardiff; CONSTANCE, kapt. P. de Boer, van Noirmontier.
(opm: de brik THÉRÈSE onder kapt. J. Poodts vertrok in september naar de Middellandse Zee waar het schip door onbekende oorzaak verging; de zeebrief werd in april 1828 geretourneerd met als vermelding ‘schip te Alexandrië [Egypte] totaal verongelukt’)


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Alle de genen die iets te vorderen hebben van, of verschuldigd zijn aan de nalatenschap van wijlen Meindert Pot, in leven zeilmaker te Dordrecht, worden verzocht daarvan voor of op den 1 juli aanstaande opgave of betaling te doen aan Adrianus Schotman, wijnkoper, of aan P. Gips, Cz., scheepstimmerman, beide te Dordrecht.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 28 mei. Eergisteren is alhier van de scheepstimmerwerf van de scheepsbouwmeester C. Gips in de Lijnbaan, voorspoedig van stapel gelopen het stoomjacht ANNA PAULOWNA KROONPRINSES DER NEDERLANDEN, bestemd voor de vaart van ’s Hage en Delft op ’s Hertogenbosch, en vice versa. Hetzelve is gebouwd voor rekening van de heren L. Kroon en G. Verbeet te ’s Hage, mej. de wed. Wijmans te ’s Bosch, en de heer A. Gips, te Dordrecht, waarvan eerstgenoemde als boekhouder fungeren zal. De machine voor dit jacht wordt alhier vervaardigd door de heren de Haas en Klaverwijden, en men heeft daarvan de beste verwachting.


  DC - Dordtsche Courant

Het Oost-Indisch Comp. schip ORWELL, dat onlangs in Engeland binnengekomen is, heeft den 18 april, het schip de WATERLOO gepraaid, zeilende 0 gr. 20 min. noorderbreedte, 23 gr. 30 min. westerlengte; alles was wel aan boord.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VREDE, kapt. R.W. Vos, van Oléron; LOUISA, kapt. D. Guijt, en de WILHELMINA, kapt. C. Cordia, beiden van Marennes, en alle drie met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 14 maart de brik CLARA HENRIETTA, kapt. J.B. Fuchs, met Zr.Ms. troepen, den 5 januari vertrokken van Amsterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Verkoop van goederen. In de loop van de volgende maand zal alhier op publieke vendutie worden verkocht, indien dit niet reeds vroeger uit de hand is geschied, de fraaie snelzeilende, gekoperde schoener HELEN, gemeten 118 tonnen. De lijst van haar inventaris en nadere informatiën te bekomen bij Thompson, Roberts en Co.
Batavia, 28 mei 1827.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 20 mei binnen gekomen het smakschip de JONGE REMKE, kapt. W.J. Mellema; het brikschip EENIGHEDEN, kapt. Jens Holm, beide met hout van Noorwegen; het sloepschip WALTER MATTHEWS, kapt. George Cock, met ballast van Londen. Uitgezeild het sloepschip ATALANTE, kapt. Wm. Mann, het schoenerschip HOPE, kapt. Wm. Cousins, met boter naar Londen; de smakschepen CATHARINA, kapt. N. Jacobs; de VROUW PETRONELLA, kapt. P.E. de Jong; de JONGE DAME, kapt. H.M. Gnodde; de JONGE JOHAN, kapt. Reinder Jans; het tjalkschip WILHELMINA, kapt. D. de Jong; het kofschip de VRIENDSCHAP, kapt. G. Haverbult, alle zes met ballast naar Noorwegen.
De 22 dito binnen gekomen de kofschepen LAMMEGINA, kapt. J.A. Bakker; de VIER GEZUSTERS, kapt. Dr. D. de Jong; WENSCHABET, kapt. Ove Holst; het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. J.J. Koppen, alle vier met hout van Noorwegen; de galjasschepen ST. JOHANNES, kapt. J.H. Rubarth; DIANA, kapt. J.J. Zornow, met hout van de Oostzee; het schonerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, met ballast van Londen. Uitgezeild de tjalkschepen ONRUST, kapt. E.R. de Jonge; ZEELUST, kapt. M. van Sloten, met pannen en steen naar Hamburg; het sloepschip WALTER MATTHEWS, kapt. George Cock, met haver naar Londen.
De 23 dito binnen gekomen het brikschip THOMAS & ANN, kapt. John Raper, met ballast van Hull.
De 24 dito binnen gekomen het kaagschip de JONGE SIMON, kapt. K.M. Gnodde; het kofschip de VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd; het brikschip WILHELM FREDERIK, kapt. E.P. Horn, met hout van Noorwegen; het schoenerschip FAME, kapt. Wm. Barfield, met ballast van Londen; het kofschip de JONGE YPEUS, kapt. H.H. de Weerd, jr., met zout van Oleron. Uitgezeild de galjasschepen DIE HOFNUNG, kapt. H. Schuberg; DIE WOLFARTH, kapt. J.M. Facks; VENUS, kapt. C.P. Heinorth, met ballast op avontuur; het smakschip LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smith; het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, met ballast naar Noorwegen; het brikschip THOMAS & ANN, kapt. John Raper, met haver naar Hull.
De 26 dito binnen gekomen het kofschip ALIDA, kapt. L.R. Nieveen, met hout uit de Oostzee. Uitgezeild het brikschip REALISATION, kapt. J.G. Bäckstrom, met ballast op avontuur; de kofschepen JOHAN WILHELM (opm: JOHAN HENDRIK WILHELM), kapt. J. Assies; GEZINA, kapt. B.A. Visser, met ballast naar Noorwegen.


30 mei 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Amsterdam, 26 mei. Heden is van de werf de Zwarte Rave, bij de scheepsbouwmeester Jan Knol, met het beste gevolg van stapel gelopen het aldaar gebouwde fregatschip genaamd HENRIETTA CLAZINA.


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 29 mei. Zr.Ms. oorlogschip DE ZEEUW, kapt. E. Lucia, met troepen van Vlissingen naar Batavia bestemd, is volgens brief van Kaap de Goede Hoop van de 22e maart, aldaar binnengelopen, om zich van water en verversingen te voorzien en zou de 25e maart de reis voortzetten. Aan boord was alles wel.


31 mei 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 mei. Van Helvoetsluis meldt men de 29e dezer, dat die morgen met het uitzeilen, beoosten de haven tegen de noordwal aan de grond is geraakt het schip MARIA, kapt. J.H. Hazewinkel.
De 28e, des namiddags arriveerde DE JONGE PIETER, kapt. J. Addison, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 mei. Van Helvoetsluis wordt van de 30e gemeld, dat het schip MARIA, kapt. J.H. Hazewinkel, met hoog water weder afgebracht en in vlot water gekomen is.
De 29e, des namiddags, arriveerde in de Maas VLAARDINGS HOOP, kapt. J. van der Valk, van Londonderry.
De 30e, des morgens, arriveerde MATHILDA, kapt. Kirkby, van Newcastle.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild EENIGHEDEN, kapt. J.F. Urbije, naar Drontheim en DE JONGE NICOLAAS, kapt. H. Peters, naar Petersburg.
Te Antwerpen zijn gearriveerd REIJNTJE, kapt. Colle, van Genua; NICOLAAS (opm: kotter NICOLAS), kapt. C. van der Hoeven, van Bonevista en LICHTING, kapt. Master, van Londen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 30 mei. Aan deze stad is gearriveerd het schip (opm: smak) de GOEDE HOOP, kapt. D.H. Puister, van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 29 mei het schip MIDDELBURG, kapt. F. Jonker, met Zr.Ms. troepen, den 19 januari vertrokken van Middelburg.


01 juni 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 27 mei. Het (opm: Brits) Oost-Indisch Compagnieschip ORWELL, dat onlangs in Engeland binnengekomen is, heeft de 18e april het schip de WATERLOO gepraaid, zeilende 0 gr. 20 min. noorderbreedte, 23 gr. 30 min. westerlengte; alles was wel aan boord.


  LC - Leeuwarder Courant

Middelburg, den 25 mei. Te Rio Janeiro is de 9e maart ll, binnen gelopen het schip MIDDELBURG, kapt. F. Jonker, naar Batavia. Schip, equipage, passagiers en troepen waren in beste staat. Na het innemen van water, hoopte de kapitein dadelijk zijne reis te vervorderen.


02 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 juni. De 1e, des morgens op de Maas vertrok DE VROUW HERMINA, kapt. M.A. Cornell, naar ….. en arriveerde DE TWEE GEBROEDERS, kapt. R. de Vries, van Shoreham.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Vaart tussen Amsterdam, Harderwijk en Kampen.
De stoomboot DE IJSSEL, vertrekt van Amsterdam , des maandags, woensdags en vrijdags, des morgens ten 8 ure en van Kampen, des dinsdags, donderdags en zaterdags, des morgens ten 10 ure.
Van Harderwijk naar Deventer en Zutphen, zo ook van Kampen naar Zwolle, is voor passagiers en vrachtgoederen, met goede rijtuigen op veren of riemen, geschikte gelegenheid.
De boot komt 4 uur na het vertrek zo wel van Amsterdam als van Kampen, te Harderwijk aan.
De stoomboot DE IJSSEL, zal op zondag de 3e juni plezier-tochten maken tussen Amsterdam en Edam.
Het vertrek is bepaald van Amsterdam van voor de Keulsche Waag, voormiddags ten 9 en des namiddags ten 4 ure en van Edam, des namiddags ten half één en zeven ure.
De overtocht van of naar Edam grschiedt in ruim twee uren tijds.
De stoomboot MERCURIUS zal op dinsdags de 5e juni aanstaande varen van Amsterdam, des voormiddags ten 6½ en 9½ ure en des namiddags ten 3½, 5 en 7 ure en van Zaandam des voormiddags ten 5½, 8 en 10½ ure en des namiddags van 3½, 6 en 8 ure.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Bepaling van afvaart der barge WILLEM DE EERSTE, onder directie van H.W. Heijman, van 1 april tot 15 september.
Van Amsterdam:
Zondag: ’s morgens ten 8½ ure van binnen en een half uur daarna van buiten.
Maandag – vrijdag: ’s namiddags ten 4½ ure van binnen en een half uur daarna van buiten.
Van Utrecht:
Maandag ’s morgens ten 4 ure; dinsdag ’s morgens ten 8 ure; woensdag ’s morgens ten 4 ure; donderdag ’s morgens ten 6 ure; vrijdag ’s morgens ten 6½ ure en zaterdag ’s middags ten 1 ure.
Voor vracht van goederen en passagiers nadere informatie in het Veerhuis en aan het bureau te Amsterdam en te Utrecht in het veerhuis en aan het bureau aldaar.


05 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juni. De 1e, des namiddags, arriveerde in de Maas FLORA, kapt. C. Klok, van Londen; de 2e, des morgens, zeilden DE VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Rick, naar Noorwegen; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. H.H. Bruins, naar Bremen; de 3e, des morgens WILLEM MARIJ, kapt. J. Lucas, van Ipswich, de laatste als bijlegger op order.
De 4e, des morgens, arriveerden te Hellevoetsluis MERCURIUS, kapt. G.C. Siewert, van Libau en IRIS, kapt. D.H. Nieman, van Riga.
De 4e, des morgens, zeilden van de Maas MARIA, kapt. M.F. Sparberg, naar de Oostzee; DE VROUW GEERTRUIDA, kapt. H.A. Bekkering, naar Noorwegen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE SOPHIA, kapt. Muijs, van Londen; ANTWERPSCH WELVAREN, kapt. Peters, van Rio-Janeiro en GOEDE VERWACHTING, kapt. van der Mijden, van Palermo.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 1 juni het schip ROTTERDAM, kapt. G.S. Water, met zes passagiers, den 19 januari vertrokken van Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 27 mei binnen gekomen de schoenerschepen UNION, kapt. A. Gallaway, LIVELY, kapt. Sam. Finch, beide met ballast van Londen. Uitgezeild het galjasschip AURORA, kapt. J.M. Wilcken, met ballast naar de Oostzee; de schoenerschepen FRIENDS, kapt. W. Muggeridge, NORTHAM, kapt. D. Charrosin, beide met boter naar Londen, het kofschip de VROUW TRIJNTJE (opm: JONGE TRIJNTJE), kapt. A.B. Visser, met ballast naar Noorwegen.
De 28 dito binnen gekomen de schonerschepen VICTORY, kapt. R. Rice, VIOLET, kapt. J. Genders, het sloepschip MAGNET, kapt. J. Norman, alle drie met ballast van Londen. Uitgezeild het kofschip de VIER GEZUSTERS, kapt. Dr. de Jong, het brikschip ENIGHEDEN, kapt. Jens Holm, de hektjalkschepen CONCORDIA, kapt. R.P. Dik, PIETERDINA, kapt. H.R. Duit, alle met ballast naar Noorwegen.
De 31 dito binnen gekomen de tjalkschepen de VROUW CHRISTINA, kapt. H.O. Chistians, de TWEE GEBROEDERS, kapt. G. Fokkes, beide ledig van Amsterdam. Uitgezeild het tjalkschip de VIER GEBROEDERS, kapt. W.G. Bouten, met pannen naar Hamburg; het kofschip de VROUW CATHARINA, kapt. L.H. Singer, met ballast op avontuur; het kaagschip de JONGE DOUWE, kapt. K.M. Gnodde, met ballast naar Noorwegen.
Eveneens de 31 dito binnen gekomen het sloepschip ATALANTA, kapt. Wm. Mann, het schoenerschip NEW VENUS, kapt. B. Lord, beide met ballast van Londen. Uitgezeild het kofschip VENSCHABET, kapt. Ove Holst, met ballast naar Noorwegen.


07 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juni. Het schip HELENA CHRISTINA, gevoerd wordende door kapt. Martens (opm: fregat, kapt. Broder Johannes Martens), komende van Batavia, is gisteren avond, tussen 9 en 10 ure, tegen het nieuwe baken op het Goereesche strand vastgeraakt. De passagiers en equipage zijn heden morgen ten half drie ure door een reddingboot en andere vaartuigen afgehaald. Er waren van Helvoetsluis en Goedereede schuiten naar toe tot assistentie.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juni. Door bovengenoemde, kapt. B.J. Martens (opm: gezagvoerder fregat HELENA CHRISTINA), de 26e februari van Batavia vertrokken, is de 28e maart, op 28 gr. zuiderbreedte en 48 en 1 halve gr. lengte O. van Greenwich, het Nederlandsche schip COLONIST, kapt. Keijser, de 13e februari van Padang gezeild naar Antwerpen en de 3e juni in het Kanaal gezien, Wight N.O. ten O., een bij de wind om de west werkende hoeker, tonende Rotterdammer nommervlag.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juni. De 4e, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis ACASTA, kapt. A. Molleij, naar Londen en de 5e, des morgens, arriveerde NEMESIS, kapt. H.T. Pedersen, van Bordeaux.
De 4e, des namiddags, arriveerde te Den Briel MERCURIUS, kapt. H.G. Schulte, van Dantzig.
De 5e, des morgens, zeilden JONGE CORNELIA, kapt A.H. Oortjes, naar Hull; GOEDE VERWACHTING, kapt. B.J. Goosens, naar Petersburg; VERWACHTING, kapt. H. Gerdes, naar Riga; COMMERCE, kapt. W. Dijer, naar Shoreham; CHARLOTTE, kapt. J.C. Spiegelberg, JACOB FILIPH, kapt. J. Bras en ST. JOHANNIS, kapt. M.F. Streij, naar de Oostzee.
De 6e, des morgens, arriveerden DE JONGE GERRIT, kapt. P. de Best, van Shoreham; ROTTERDAM, kapt. J. Laming, van Londen en DE VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer, van Cardiff.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild WILLEM DE EERSTE, kapt. J. Langethee, naar Rio-Janeiro; HEMMINA, kapt. S.F. Taay, naar Noirmoutier; DE JONGE PIETER, kapt. J.R. Brons en DE VROUW JANTINA, kapt. G.G. Smit, naar Londen; JACOBA HENRIETTA, kapt. J.G. Bart, naar Portsmouth en DE GOEDE HOOP, kapt. H.F. Klein, naar Petersburg.
Te Antwerpen is gearriveerd SPECULANT, kapt. Goetzman, van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Een ieder zij gewaarschuwd geen crediet te geven aan de equipage van het schip DIDO, kapt. H. Seepe, alzo door hem geen betaling voor dezelve zal worden gedaan.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 5 juni. Men verneemt van goeder hand dat de lading van het schip FORTUNA, kapt. Meincke, dezer dagen alhier van Rio Janeiro, laatst van Cowes, aangekomen, voor rekening van het Brazilisch gouvernement is afgezonden, en een gedeelte uitmaakt van verscheidene aanzienlijke afladingen, bestemd tot de betaling der intressen van de negotie, door hetzelve in Engeland gedaan.


12 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading naar Rio, mede voor passagiers, het Nederlandse nieuw gekoperd brikschip MARIA MATHILDA, kapt. Lovgreen om de 25e dezer te vertrekken. Adres Hudig en Blokhuijzen te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juni. Het schip DE VIJF GEZUSTERS, kapt. J.J. Bonn, van Batavia naar Rotterdam, is, volgens brief van de Kaap de Goede Hoop van de 24e maart, de 22e dito, wegens lekkage, aldaar in de Simonsbaai binnengelopen; de kapitein had van de Kaapstad de nodige hulp gevraagd om het lek te kunnen opnemen, hetwelk hij hoopte, door het schip te krengen, gemakkelijk te zullen ontdekken en alsdan spoedig te repareren; aan boord was alles in de beste staat. Volgens een nadere brief van de 6e april zou hetzelve in het laatst dier maand de reis vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juni. Zr.Ms. oorlogschip DE ZEEUW, kapt. E. Lucas, met troepen van Vlissingen naar Batavia, aan de Kaap de Goede Hoop binnen, is, volgens brief van de Kaap de Goede Hoop van de 6e april, de 29e maart met een allergunstigste wind uit de Tafelbaai naar zee gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juni. Het schip DE ZEEUW, kapt. C. Riekels, van Canton naar Middelburg, met schade te Mauritius binnen, was, volgens brief van Port-Louis van de 10e februari, geheel gelost om te repareren en zou binnen 6 weken de reis voortzetten; een vierde gedeelte van de lading is beschadigd bevonden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juni. Het schip ALEXANDER, kapt. M. Marcussen, zou, volgens brief van Batavia van de 25e febr., de 12e maart vandaar naar Amsterdam vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juni. De 8e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis B. HOITSEMA PROCTOR, kapt. J.H. van Wijk, van Marennes; ADOLPH, kapt. P. Lassen, van Libau; LAGARTHA, kapt. J. Eliaseij, van Christiaansand en DE MORGENSTAR, kapt. K.H. Meijer, van Kiel.
De 9e, des morgens, zeilden PETER, kapt. J. Burgers, naar Londen; JEANNETTE, kapt. H.G. Winter, naar Riga; NEERLANDS KROONPRINSES, kapt. H.M. Heijns, DE MAAS, kapt. J.C. Teves en NEERLANDS KONING, kapt. K.P. Schinkel, naar Batavia, welke alle in zee gekomen zijn.
De 8e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE ALBERDINA, kapt. A.C. Hazewinkel, van Windau.
De 9e, des morgens zeilden DE VERWACHTING, kapt. H. Gerdes, naar Riga; CHARLOTTA, kapt. J.C. Spiegelberg, DE JACOB FILIPH, kapt. J. Brus, DE ST. JOHANNIS, kapt. M.F. Streij, naar de Oostzee; DE JONGE JACOB, kapt. J.B. Siedles, DE JOHANNA, kapt. H.F. Mulder, de VEENSTROOM, kapt. S.E. Hoveling en DE GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pou, naar de Marennes; MARIA, kapt. J.F. Brouwer, naar …., welke alle wel in zee gekomen zijn.
De 9e, des namiddags, arriveerden de ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, van Windau; DE CONCORDIA, kapt. J.F. Zeimark, van Libau.
De 10e, des morgens zeilden DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metson, naar Lissabon; DE FORTUNA, kapt. T. Hiles, naar Gibraltar.
De 10e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis ERFPRINS CARL, kapt. N. Terjesen, van Dramme.
De 10e, des namiddags arriveerde te Den Briel DE JONGE BHORRE, kapt. L.C. Quale, van Fahrsund en de 11e, des morgens, DE WISSELVALLIGHEID, kapt. W. van Noord, van Lissabon.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een snelzeilend brikschip, varende onder Nederlandse vlag, groot 75 à 80 roggelasten, voorzien van een complete inventaris. Te bevragen bij de Makelaar F. van Dam, te Rotterdam.


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 11 juni. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en van onze rede naar zee gezeild de RUBENS (opm: ex-RUBBENS, brik, Antwerpen), kapt. T. Hamilton en de GUILLAUME, kapt. W. de Ruyter, beide met stukgoederen, naar de Havanah.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door overlijden uit de hand te koop, een sterk getimmerde, wel onderhouden, en nog hecht en gave Turf Schuit, lang over steven 11 ellen 9 palmen 2 duimen 8 strepen, wijd 2 ellen 6 palmen 9 duimen 8 strepen, en hol naar advenant, met deszelfs rondhout, zeil en treil, staand en lopend wand, haken, bomen en verdere annexen; zodanig als dezelve nog voor drie weken bevaren werd door toenmalig, dezer dagen overleden eigenaar, schipper Jarig Sipkes Seldenthuis, en thans te Koudum is liggende. Adres aan de heer Gerrit Lels aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Dordrecht, 8 juni. Met het koopvaardijfregat de HELENA CHRISTINA, kapt. Martens, hetwelk des avonds van de 5 dezer, het Goerese gat binnen komende, op het Goerese strand is vastgeraakt, zijn van Batavia mede gekomen: de heer Baron de Salis, de heer kapitein Van Geen, de heer Van Schoor en de heer en mevrouw Van der Laan, welke allen gelukkig aan wal gekomen zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De griffier H. Smith, te Harlingen, zal ten verzoeke van deszelfs principalen, ten huize van den kastelein Hendrik F. de Boer, in het logement de Oijevaar binnen Harlingen, op zaterdag de 16e juni 1827, precies ten 4 uren des namiddags, bij de beschrijving, en des avonds ten 7 uren, bij de finale toewijzing, bij strijk en verhoog geld, publiek presenteren te verkopen de gerechte helft in een trekschip, varende in de ordinaris beurt van Harlingen op Leeuwarden et vice versa, met de gerechtigheid van het veer, en het kwoteel aandeel in de paarden, lijnen, hooi en stro, haken en boomen en verdere annexen, in dier voege hetzelve door Ide Gerrits Leks, als schipper is bevaren, en waarvan de wederhelft aan Sjouwke N. van der Woude in eigendom toebehoort.


14 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 juni. De 11e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis ANNA MARGARETHA, kapt. H. Nieman en DOLPHIN, kapt. J. Voss, van Riga; CHRISTINA CORNELIA, kapt. J. Noord, van Marennes.
De 12e, des morgens, arriveerden DE JONGE CAROLINA, kapt. N. Kreplien en BALANCE, kapt. H. Niemen, van Riga.
De 11e, des namiddags, arriveerden te Den Briel DE JONGE HELENA, kapt. H.J. Beekman, van Riga en DE HOOP, kapt. W. van der Horden, van Bergen.
De 12e, des morgens, zeilde DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, naar Lissabon en arriveerde de VRIENDSCHAP, kapt. W.M. Zwart, van Koningsbergen.
De 12e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrick, van Dantzig; JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, van Marennes.
De 12e, des namiddags, arriveerde te Den Briel ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Wijgers, van Marennes en zeilde JUFVROUW JANNETTE, kapt. B.J. Groothuis, naar Riga; DE BONTJE JOHANNA, kapt. S.K. Ekamp, DE TWEE GEBROEDERS, kapt. K.H. Sprik en BROEDERLIJKE LIEFDE (opm: kof), kapt. J.A. van der Wal, naar …… ; DE VROUW ANNA, kapt. J.H. Korter, naar Arendsburg; BROEDERLIEFDE, kapt. H.A. van der Wal (opm: smak, kapt. A.A. van der Wal), naar de Oostzee; CATHARINA, kapt. C. Nieman, naar Reval.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild JACOBA, kapt. A.K. de Groot. L’EMILIE, kapt. M. van der Kerkhoven, DE GOEDE HOOP, kapt. J.W. Wilkens, MEDUSA, kapt. F. Bunnemeijer en DE JONGE JOHANNA, kapt. J.W. Poel, naar Londen; DE HOOP, kapt. H.W. de Groot, naar Falmouth; GUILLAUME, kapt. W. de Ruijter, naar de Havannah; DE BRABANDER, kapt. R.R. de Haan, naar Glasgow; DE VROUW AFFIENA, kapt. H.W. Drendt, naar Hamburg; DELPHIN, kapt. C. Brandaris, naar Batavia met troepen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW HELENA, kapt. Greeven, van Marennes; GOEDE VERWACHTING, kapt. Schuring, van Memel; DANKBAARHEID, kapt. Huges, van Heiligenhafen en MARIA, kapt. P.E. Boer, van Dantzig.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 juni. Aangaande het schip DE VIJF GEZUSTERS, kapt. J.J. Bonn, van Batavia naar Rotterdam, aan Kaap de Goede Hoop binnen, meldt men van Rotterdam van de 8e juni, dat hetzelve, volgens brief van de 5e april, na dat men een klein gedeelte der lading gelost en het lek dat zich in het achterschip bevond, ontdekt had, toen reeds geheel hersteld en men destijds bezig was met de koffij naar achteren te werken, om het voorschip te doen rijzen en onderzoeken; 40 balen koffij waren beschadigd bevonden, waaromtrent nog een nadere opneming zou plaats hebben of dezelve al dan niet zou moeten worden verkocht.


15 juni 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 11 juni. Het nieuw gebouwde fregatschip ZEEMANSHOOP, gevoerd door kapt. Pieter Kraaij, de 19e november l.l. met troepen naar Batavia uit Texel vertrokken, is de 16e februari in de Straat Sunda, en de 23e februari te Batavia aangekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een kofscheepje, lang 12 ellen 496 strepen, wijd 3 ellen 408 strepen, hol na rato, met zeil en treil, zoals hetzelve is gebruikt in het veer van het Heerenveen op Groningen vice versa; te bevragen bij den eigenaar Johs. Gerbens, te Groningen, waar hetzelve thans is liggende, of bij de boekverkoper F. Hessel te Heerenveen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een kofscheepje, lang over steven 8 Nederlandse ellen, wijd en hol naar rato, met een beste roef, platte luiken, geschikt tot alle vervoer en gebruik, met zeil, fok, touwwerk, boomen, haken, enz., alles hecht en sterk; op gemakkelijke voorwaarden. Te bevragen bij de scheepstimmerbaas Sieds Geerts van der Werf op het Vliet bij Leeuwarden.


16 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 juni. De 13e, des namiddags, zeilden van Helvoetsluis CATHARINA MARIA, kapt. P.A. Bradhering, naar de Oostzee; de 14e, des morgens, DE JONGE ADRIANA, kapt. J. Admiraal, naar Batavia.
De 14e, des namiddags zeilde van Helvoetsluis DE VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, naar Oleron.
De 15e, des morgens, zeilde uit de Maas ST. JOHANNIS, kapt. M.F. Streij, naar de Oostzee; DE BONTJE JOHANNA, kapt. S.K. Ekamp, naar….; DE DRIE GEZUSTERS, kapt. M. Find, naar Libau.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE AREND, kapt. H. Elbring, naar Sandwich; ROELINA, kapt. M.G. Lever, naar Londen; CATHERINA JOSEPHINE, kapt. P.J. Muntendam en JOSEPHUS, kapt. M. Bakker, naar de Marennes; L’AIMABLE PAULINE, kapt. L.J. Luijtjes, naar Montevideo; ANNA KRANENBURG, kapt. H. Smith, naar Peunreij (opm: mogelijk Penryn); LA LOUISE, kapt. B. Arfsten, naar Bahia.
Te Antwerpen is gearriveerd DE JONGE JAN, kapt. Gorsken, van Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloijdslijst van 12 juni:
DE VROUW ANTONIA, kapt. Meijer, van Cette naar Amsterdam, de 5e maart lek te Cowes binnengekomen, is afgekeurd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 15 juni. Aan deze stad is gearriveerd het schip de VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrik, van Dantzig met hout.


  DC - Dordtsche Courant

Men schrijft uit Hellevoetsluis, dat, behalve de goederen der passagiers en der equipaadje, er van het gestrande schip HELENA CHRISTINA (opm: zie RC 070627), slechts 420 balen koffijbonen, de enige onbeschadigde, welke aan boord waren, geborgen zijn. Door het ingelopen water en door het zwellen der natgeworden koffijbonen, tegen het bovendek, is het schip geheel ontzet. Hetzelve zal weg zijn. Men tracht zo veel mogelijk van het tuig en van het want te redden.


  DC - Dordtsche Courant

Men verzekerde te Hellevoetsluis, dat Zr.Ms. brik de SIRENE tegen het einde deze maand als pakket naar de West-Indiën zou vertrekken.


19 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 juni. De 16e, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis ENGELINA, kapt. R.H. Bok, van Marennes.
De 16e, des morgens arriveerden te Den Briel DE FORTUNA, kapt. S.A. Dahl van Christiaansand en zeilden DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Korter, naar Arendsburg; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. K.H. Sprik en NEPTUNUS, kapt. H.P. Mulder, naar…. ; DOROTHEA, kapt. R.R. Hendriks (opm: smak, kapt. R.R. Hinderikus), naar Hamburg, DE JONGE ARIJ, kapt. A. den Breem, naar Bergen.
De 17e, des morgens arriveerde PETRONELLA, kapt. K.H. de Groot, van Bergen.
De 18e, des morgens, zeilden uit de Maas DE VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap, naar Newrij; NEMESIS, kapt. H.F. Petersen, naar Arensdahl; MATHILDA, kapt. G. Kirkbij, naar Newcastle en arriveerde DIANA, kapt. E.H. Huisman, van Embden.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW ALBERDINA, kapt. Mooij, van Dantzig en TWEE GEBROEDERS, kapt. Wantmaker, van Lübeck.


20 juni 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 18 juni. Het schip (opm: driemast hoeker) HARLINGEN, kommandeur Klaas Hoekstra, te Harlingen te huis behorende (opm: eigendom van de Groenlandsche & Straat Davis Visscherij Societeit), is de 23e augustus (opm: 1826!) in Straat Davis verongelukt; de equipage 46 man sterk, is door het Engelse schip DUNDEE, kapt. Duncan, (hetwelk in Straat Davis overwinterd heeft en enige dagen geleden te Busta, op Hitland [opm: Shetland] is binnengelopen) opgenomen en aldaar aan boord gebleven tot de 6e oktober, wanneer zij hetzelve, na alvorens voor drie weken van levensmiddelen en sterke drank voorzien te zijn geworden, in de sloepen, welke sedert door kapt. Duncan in ruim water zijn gezien, heeft verlaten, koers stellende naar een volkplanting (settlement) op de Oostkust van Straat-Davis, waarvan zij toen 350 mijlen (miles) verwijderd was. (opm: zie ook PGC 260627)


21 juni 1827


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 20 juni. Aan deze stad is gearriveerd het schip ENGELINA, kapt. R.H. Bok, van Marennes met zout.


23 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 juni. Kapt. A.A. Herman, voerende het schip DE SURINAAMSCHE VRIEND, van Amsterdam naar Suriname, meldt in een brief, in dato 11 juni, geschreven in Het Kanaal, hebbende Goudstaart (opm: Start Point) 4 mijlen van zich, dat hij toen in goede staat zeilende en aan boord alles wel was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. De 21e, des morgens, arriveerden te Helvoetsluis DE JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder en DE JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleinninga, van Marennes.
De 21e, des morgens, zeilden uit de Maas ROTTERAM, kapt. J. Laming, naar Londen; DE JONGE HIJLKE TROMP, kapt. W. Willems, naar de Oostzee.
De 21e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis CONCORDIA, kapt. B.J. de Boer, van Marennes; de 22e, des morgens, DE JONGE ISABELLA, kapt. H.B. Drent, DE VROUW MARCHINA, kapt. J.P. de Boer en DE VROUW WEBBINA, kapt. J.A. Kuijper, van Marennes en DE MARTINA ALETTA, kapt. J.G. Hoetjer, van Bordeaux.
De 21e, des namiddags, arriveerden te Den Briel DE WEARDIS, kapt. J.J. Arends, van Bordeaux en DE JONGE CORNELIS, kapt. G. Goudappel, van Marennes.
De 22e, des morgens, arriveerden HERMINA, kapt. H.J. Hubertsz., van Marennes en DE JOHANNIS, kapt. P. Frugtning, van Hull.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Jan Jacob Blussé, notaris te Dordrecht, is voornemens maandag twee juli 1827, ’s namiddags twee ure, voor en op na te melden scheepssloopwerf, te veilen, en vrijdag zes juli 1827, ’s avonds acht ure, ten huize van Pieter Smits, in het logement den Engel, nabij de Rietdijksche Poort, te Dordrecht, bij afslag te verkopen: een scheepssloopwerf, bestaande in twee loodsen, met daarin zijnde kamertjes, voorts een groot en een klein open erf, een afzonderlijk huisje, benevens 1 roede 70 ellen 32 palmen buiten-erf, aan de rivier, gelegen te Dordrecht, op de Rietdijksche Vest, getekend C. no. 182, zijnde uitmuntend geschikt voor het slijten van alle schepen, en alles bij aangeplakte biljetten breder omschreven, in verponding over dezen jare aangeslagen met NLG 10,65, kunnende dadelijk na betaling der koop- en andere penningen worden aanvaard.
Nader onderricht is te bekomen bij gemelde notaris Blussé in de Voorstraat C. no. 1341.


  DC - Dordtsche Courant

Zaandam, 20 juni. Heden is met beste gevolg te water gekomen het kofschip de ONDERNEMING, gebouwd voor rekening van de heer Jan Siemonsz op de werf van de Maatschappij van Scheepsbouw alhier.


26 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 juni. De 22e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE GOEDE HOOP, kapt. H.B. de Jonge, van Marennes.
De 22e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Goosens, van Marennes; de 23e, des morgens DE JONGE CORNELIS, kapt. A.H. Oortjes, van Hull.
De 24e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis MARIA, kapt. P.J. Tehling, van Riga en DE VROUW ENGELINA, kapt. H.T. de Jong, van Marennes.
De 25e, des morgens, Zr.Ms. transportschip ZEEMEEUW, luitenant.t.zee Volmer, van Riga.
De 25e, des morgens, arriveerden in de Maas FORTUNA, kapt. Dijreharge, van Bergen; HARMONIE, kapt. P. Permien, van Riga.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE GOEDE HOOP, J. Hoetjen, naar Wells.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VERWAGTING, kapt. Schippers, WILLEM, kapt. Kiers, GOEDE HOOP, kapt. Dik, JANNA HAZINA, kapt. Kolk, MARGRITA, kapt. Dijkhuis en PELIKAAN, kapt. Rieke, van Marennes; JONGE LODEWIJK, kapt. Wagenaer, van Dantzig en AREND, kapt. Elbring, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juni. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen Zr.Ms. oorlogschip HOLLAND, kapt. de Lange, uit de Middellandse Zee.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 25 juni. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder; la JEUNE ISABELLE (opm: kof JONGE ISABELLA), kapt. H.B. Drent; de VROUW MAARCHINA, kapt. J.P. Boer; de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Goosens; JOHANN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga; CONCORDIA, kapt. B.J. de Boer, en de GOEDE HOOP, kapt. H.B. de Jonge, allen van Marennes met zout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

London, 20 juni. Volgens de Lloyd’s Lijst van de 15e l.l. is het schip HARLINGEN, kommandeur Klaas Hoekstra, te Harlingen te huis behorende, de 23e augustus in Straat Davids verongelukt; de equipagie, 46 man sterk, is door het Engels schip DUNDEE, kapt. Duncan, opgenomen en aldaar aan boord gebleven tot de 6e oktober, wanneer zij hetzelve, na alvorens voor 3 weken van levensmiddelen en sterke drank voorzien te zijn geworden, in de sloepen, welke sedert door kapt. Duncan in ruim water zijn gezien, heeft verlaten, koers stellende naar een etablissement op de oostkust van Straat Davids, waarvan zij toen 350 Engelse mijlen verwijderd was.
Volgens een brief van de agent van Lloyds te Lerwick, is de DUNDEE, van London, kapt. Duncan, den 2e juni behouden te Phista, op de westzijde van die eilanden, aangekomen. De kapitein en het volk zijn volmaakt gezond, niettegenstaande zij enige maanden hebben moeten leven van walvisspek en het vlees van haaien. Dit schip is in het ijs vastgeraakt en 75 dagen lang is het volk gebleven zonder daglicht te zien. Gelukkig had het geen gebrek aan brandstof, waartoe de duigen van de menigte vaten, die aan boord waren, gediend hebben. De DUNDEE is een Straat-Davisvaarder en 485 ton groot; de equipagie bestond, toen het schip in het ijs geraakte, uit 55 man, die alle behouden teruggekeerd zijn.


28 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 juni. De 25e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis CATHARINA VOS, kapt. N.A. Smal, HARMONIE, kapt. M.H. Schiebe.
De 26e, des morgens, zeilde DE VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, naar Oleron (opm: was waarschijnlijk teruggekeerd, zie RC 160627)
en arriveerde DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G.E. Jonker, van Pernau
De 25e, des namiddags, arriveerden de GOUVERNEUR VAN IMHOF, kapt. G.H. Peperboom, van Libau; ALIJDA FRANKINA, kapt. J.H. Mulder, van St. Petersburg; CHRISTINA ELIZA MARIA, kapt. C.C. Boije, van Memel; DE HERSTELLING, kapt. H.J. Bruininga (opm: kof, kapt. H.J. Buining) en MARIA CLASINA, kapt. S. Hooghout, van Riga en DE MERCURIUS,kapt. J.P. Hendelin, van Gamlacarleby.
De 26e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE HERSTELLING, kapt. B.F. Meesken en NEPTUNES, kapt. J.F.C. Zeijn, van Riga.
De 26e, des namiddags, arriveerden te Den Briel DIANA, kapt. A. van Dijk, van Libau; ZEELUST, kapt. G.A. Wierenga en DE STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk (opm: kof, kapt. Jan Jans Kortrijk), van Riga.
De 27e, des morgens, zeilden DE VROUW LUBIGINA, kapt. H.K. de Weerd, naar Liverpool; DE ONDERNEMING, kapt. Mde, naar Libau; IRIS, kapt. D.H. Niemann, MARIA DOROTHEA, kapt. O. Mulder, naar Riga; JONGE HELENA, kapt. H.J. Beckman en de MORGENSTER, kapt. H.K. Meijer, naar de Oostzee; de MERCURIUS, kapt. G.C. Siewert en CONCORDIA, kapt. J.F. Ziemark, naar Elseneur,
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de GOEDE VERWACHTING, kapt. J. Fijn, naar Riga; LA CONSTANCE, kapt. P. de Boer, naar Stockholm en FORTUNA, kapt. C.J. Behrends, naar de Oostzee.
Te Antwerpen zijn gearriveerd NEPTUNUS, kapt. Waerens; LEEUW, kapt. Verbrugge, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 juni. Kapt. R.C. Stada, voerende het schip DE DAGERAAD, de 24e dezer van Suriname in Texel binnen, rapporteert, dat hij de 23e, het Zuid-Voorland W. ten Z. 2 mijlen, gepasseerd is een schip, zeilende westwaarts en tonende de vlag van het collegie Zeemans Hoop, n.º 30, zijnde die van kapt. D. Kraijer voerende het schip SCHOON VERBOND, van Amsterdam naar Batavia.
Het schip FRIEDRICH WILHELM, kapt. B.J. Dirksen, met zout van Lissabon naar Riga, is de 22e dezer bij de Singels in goede staat gepraaid door kapt. H.G. Sap, van Lissabon te Amsterdam gearriveerd.
Het schip DE ONDERNEMING, kapt. H. Eeltjes, van Middelburg naar Suriname, is de 10e dezer bij Bevesier, in goede staat en hebbende de wind O.N.O., gepraaid door de Texelschen loodschipper C.J. Duinker.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 juni. Kapt. G. Goudappel, van Marennes te Brielle binnen, is de 11e dezer op 48 gr. 45 min. noorderbreedte, 5 gr. 48 min. lengte W. van Greenwich, gepasseerd het schip ’S LANDS WELVAREN, kapt. A. Rietdijk, uit de Maas naar Gibraltar, en de volgende dag, op 40 gr. 1 min. breedte, 5 gr. 45 min. lengte, een schip tonende Rotterdamsche vlag met n.º 118, zijnde die van kapt. J.C. Teves, voerende het schip DE MAAS, de 9e dezer van Helvoetsluis naar Batavia gezeild.
Het schip THERÈSA, kapt. C.H. Baijne, de 12e mei van La Guaira naar Hamburg vertrokken, was de 19e op de hoogte van Douvres.
Het schip DE VROUW MARGARETHA, kapt. P. Muller, de 2e april van Smyrna naar Amsterdam gezeild, was de 3e mei in het gezicht van Gibraltar, doch is door aanhoudende westelijke winden en stormweer teruggehouden tot de 2e dezer, als wanneer het te Gibraltar is binnengelopen, van waar het de 3e weer is vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 juni. Kapt. N.H. Baas, voerende het schip DE VROUW GEZINA, van Petersburg naar Antwerpen, de 19e dezer te Elseneur aangekomen, rapporteert dat hij de 12e gepraaid het schip GEZINA JOHANNA, kapt. J.R. Sap, van Rotterdam naar Petersburg, hetwelk bij Dageroord (opm: Dagerort) in een harde bui beiden de masten, dicht onder de hoofdtouwen, verloren had; gemelde kapt. Baas dacht, dat hetzelve de volgende dag Reval (opm: Tallinn) zou hebben bereikt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag de 10e juli 1827, des namiddags ten 4 ure, in het logement genaamd Het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt, te veilen:
1. Het snelzeilende brikschip ST. NICOLAAS, laatst gevoerd door kapt. Okke Olfert; lang 22,44 el, wijd 5,08 el, hol 3,28 el en alzo groot 88 lasten (volgens meetbrief), benevens alle deszelfs ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, zo als alle zal genommerd zijn liggende en kunnen bezichtigd worden des daags vóór en des voormiddags van de dag der veiling; zullende de veiling geschieden eerst van het schip en gereedschappen gezamenlijk en daarna bij kavelingen, als n.º 1, het schip met de daarin staande masten, boegspriet, braadspil, roer, roerpen, rusten en puttings; n.º 2 en vervolgens de gereedschappen.
2. Het hol van het Nederlandsche driemast galjootschip VREDE EN VRIENDSCHAP, laatst gevoerd door de kapt. Wm. van der Kolff; lang 26,80 el, wijd 5,93 el, hol 3,22 el.
Liggende beide schepen in de Zalmhaven te Rotterdam voornoemd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 27 juni. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen ENGELINA, kapt. H.F. de Jong, en de VROUW WIBINA, kapt. J.H. Kuijper, beiden van Marennes met zout; HABET, kapt. A. Johnson van Droback; NORDSTIERNE, kapt. M.O. Röd van Drammen, beiden met hout; CICILIA MARGARETHA, kapt. A. Sarheim, en FORTUNA, kapt. A. Dijkenhauge, beiden van Bergen, met stokvis en traan.


  DC - Dordtsche Courant

Den 22 dezer is te Texel binnengekomen Zr.Ms. oorlogsschip HOLLAND, kapt. P. de Lange, uit de Middellandsche Zee.


30 juni 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juni. De 28e, des morgens, arriveerde te Den Briel DE VRIENDSCHAP, kapt. J. van Gelderen, van Malaga en zeilden CATHERINA ELISABETH, kapt. C. Peters, ANNA MAGARETHA, kapt. H. Nieman, naar de Oostzee.
De 28e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE VROUW CATHARINA, kapt. R.R. Engelsman; de 29e, des morgens, DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, van Bristol en DE JUFVROUW WILLEMINA LOURENTIA, kapt. J.J. Swart, van Oléron.
De 28e, des namiddags, arriveerden te Den Briel DE VROUW ANTJE, kapt. O.G. Stuit, van Havre; SOPHIA CATHERINA, kapt. M. Hansen, van Sonderberg; DE VROUW MARGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, van Gibraltar; de 29e, des morgens zeilden CORNELIA, kapt. K.J. de Groot, naar Drontheim; DOLPHIJN, kapt. J. Voss, naar de Oostzee.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VRIENDSCHAP, kapt. Nagel, van Petersburg en ELISA, kapt. Renken, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juni. De 23e dezer is alhier in goede orde op ’s Rijkswerf van stapel gelopen Zr.Ms. korvet DE LEIJE.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juni. Sedert onze laatste zijn in Texel binnengekomen C.J. Caspers van Cowes met de lading van de aldaar binnengelopen en afgekeurd schip DE VROUWE ANTONIA, kapt. C. Meijer van Cette naar Amsterdam.


03 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 juli. De 30e passato, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis JOHANNA, kapt. H.T. Mulder, van Marennes; de 1e dezer, des morgens, DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Marennes en zeilden DE VLIJT, kapt. E.E. de Vries en B. Haitzema Viëtor, kapt. J.H. de Wijk, naar Marennes en SICILIA, kapt. A. Sarheim, naar Bergen.
De 30e, des morgens, arriveerden te Den Briel DE JONGE WILLEM, kapt. P. Hansen, van Oleron; des namiddags, ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, van Marennes en zeilden DE HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, naar Marennes, MERKURIUS, kapt. H.G. Schulte, naar Riga, AGATA, kapt. B.J. Potjewijt, naar Riga; DE GOEDE HOOP, kapt. D.H. Puijster
De 2e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VROUW WICA, kapt. F. Ortmans, van Noirmontier en zeilde DE VROUW PETRONELLA, kapt. Leeuwrick, naar Nerva.
De 28e juni is te Keulen aangekomen het schip PHILIPPINA, schipper P.C. Deutz, zijnde de 22ejuni van Rotterdam gevaren.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild LE PROSPER, kapt. E. Vranken, naar Duinkerke; DE VIJF GEBROEDERS, kapt. J.F. Poodts en LEONIDAS, kapt. J. Stent, naar de Havannah; FORTUNA, kapt. J. Scholberg, naar Gibraltar en DE TROMP, kapt. R.T. Nolles, naar de Oostzee.
Te Antwerpen zijn gearriveerd IRIS (opm: sloep), kapt. M.H. Hansen, van Havre; VRIENDSCHAP, kapt. Schut, van Christiaansand; JONGE LUCIA, kapt. Segaert en VROUW HENDRINA, kapt. van den Oever, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag de 10e juli 1827, des namiddags dadelijk na afloop der veiling van de schepen ST. NICOLAAS en VREDE EN VRIENDSCHAP, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt, te veilen: het hecht, sterk en snelzeilend Nederlandse driemast barkschip, genaamd DIDO, gevoerd door kapt. J.H. Seepe, lang 24,08 el; wijd 4,60 el; hol 3,88 el en alzo groot 191 tonnen, volgens meetbrief in dato 25 november 1825, met al deszelfs staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, volgens gedrukte inventaris, zo als hetzelve is liggende aan de palen, nabij de Groote Draaisteeg, alwaar hetzelve des daags vóór en op de dag der veiling kan bezichtigd worden.
NB. Het voorschreve schip is vóór deszelfs laatste reize nieuw gekoperd en door reparatie op die reize volkomen in staat gebracht tot de vaart op de Indiën.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 2 juli. Aan deze stad is gearriveerd de schepen de TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer van Bristol met ijzer en blik: de JUFVROUW WILHELMINA LAURENTIA, kapt. J.J. Swart van Olleron; de TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong; de VROUW JOHANNA, kapt. H.T. Mulder, en de VROUW ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, alle drie van Marennes, en alle vier met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia gearriveerde schepen:
Den 29 juni: het schip ADMIRAAL BUYSKES, kapt. S. MacGeorge, met een passagier, vertrokken den 19. juni van Palembang.
Van Batavia zijn vertrokken:
Den 3. juli de brik PASSAKAN, kapt. Jenal, naar Pekalongang, den 1 juli het schip HANDEL MAATSCHAPPIJ, kapt. P.H. Willers, naar Japan, het schip ROTTERDAM, kapt. J.F.W. de Vries, naar dito, het schip IDROES, kapt. Sech Awal bin Salim Bahasoean, naar Riouw, en de brik PHILOTAX, kapt. W.W. Boyle, naar Rembang.
Ter rede van Batavia liggende Nederlandse schepen:
Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, Zr.Ms. fregat MELAMPUS, Zr.Ms. brik DOURGA, Zr.Ms. korvet ANNA PAULOWNA, en de koopvaardijschepen STAR ,ROSALIE, JOUSSOUR, LORD MINTO, MASTURA, LOUIZA, ADMIRAAL BUYSKES, de brikken GOANIE, INDRAMAIJOE, MARGARETHA ENGELTINA, en de schoeners KIM HO HIM, HELEN en KASSOOR, benevens 11 buitenlandse schepen.
Te Samarang gearriveerde schepen:
Den 24 juni Zr.Ms. schoener ZEPHYR, luit der 1e klasse W.J. Schuler, van een kruistocht; den 25 juni Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, kapt.t.zee E. Lucas, van Soerabaija, en den 27 juni Zr.Ms. schoener JOHANNA, luit.der 2e klasse J.G. Bock.
Van Samarang vertrokken schepen:
Den 25 juni schoener ANNA, kapt. W. Vallet, met een passagier naar Soerabaija en het schip BUITENZORG, kapt. S. d’Allens, naar Tagal; den 26 juni schoener TARTAR, kapt. T.S. Perry, naar Rembang, en Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, kapt.t.zee E. Lucas, naar Batavia.
Te Soerabaija aangekomen schepen:
Den 23 juni de brik GOENOENG API, kapt. W.H. Nash, den 15 juni van Samarang.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. de Wit A.E.zoon, N. van Santen, P.J. Alkens, C.A. de Wit, P. van Voorthuizen P.zn., S. Bousquet en I.J. de Wit, makelaars, zullen op vrijdag den 6 juli 1827, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in Den Brakke Grond, in de Nes, verkopen: Ene partij van 130 vaten Surinaams suiker, alhier aangebracht per de schepen JUFFROUW AAGJE en IPENRODE, kapiteins K.H. Ruijl en A.F. Oosterloo, van Suriname; liggende als bij de biljetten wordt aangewezen.


05 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Smirna, het Nederlandsche brikschip DE SNELHEID, kapt. Albert van der Linden, om de 15e juli te vertrekken, op verbeure van de vracht.
Naar Smirna, het nieuw gebouwde en gekoperde brikschip JOHANNA, kapt. Corns. Teves.
Naar Bordeaux, het Nederlandsch kofschip DE ZEEMEEUW, kapt. Eilders Reines.
Naar Marseille, het Nederlandsch galjootschip DE JONGE HENDRIKA, kapt. Arij Ping.
Naar Elseneur en Petersburg, het Nederlandsch kofschip TWEE GEBROEDERS, kapt. Teunis Teens Born om de 9e juli te vertrekken.
Naar Bergen, in Noorwegen, het Nederlandsch galjootschip MARTINA ALETTA, kapt. Jan Gerrijts Hoetjer.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 juli. De 2e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis KAREL EN WILLEM, kapt. J.F. Schulten, van Cette, zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen.
De 2e, des namiddags, zeilden uit de Maas DE HOOP, kapt. W. van der Horden, naar Belfast; BALANCE, kapt. H. Nieman en PETER EN MARIA, kapt. C.P. Eggers, naar Riga en DE JONGE CAROLINA, kapt. N. Siplien, naar de Oostzee.
De 3e, des morgens, arriveerden DE HERSTELLING, kapt. A. Duijndam, VAN St. Martin; DE JONGE JACOB, kapt. B.J. Siedles, van Marennes.
De 3e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE JONGE REMKE, kapt. L.H. Deun, van Bordeaux en de 4e, des morgens, DE STAD LINGEN, kapt. H. Schipman, van Riga.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE DANKBAARHEID, kapt. P.J. Huges, naar IJarmouth; ELISABETH, C. Pijbes, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3juli. De brik JONGE JAN, kapt. P. Ouwehand, van Liverpool te Embden gearriveerd, is, volgens brief van Embden van de 26e juni, bij het inzeilen der Eems, op de Hond vastgeraakt, doch met hulp van een loodschuit, op goede mannen zeggen aangenomen, na een gedeelte der lading in een lichter gelost te hebben, weder vlot geworden en aldaar ter rede gebracht; hetzelve had, door het stoten, planken van de huid en slabbe van de kiel verloren, was daardoor zwaar lek geworden en zou moeten lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Het schip HELENA CATHARINA, kapt. H.G. Bergveld, van Amsterdam naar Havannah, is de 23e mei gepraaid op 26 gr. breedte en 58 gr. lengte.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 4 juli. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen WIEA, kapt. T. Oltemans (opm: VROUW WIEA, kapt. F.A. Oltmans) van Noirmontier; de HERSTELLING, kapt. Arij Duindam van St. Martin; de JONGE JACOB, kapt. B.J. Siedzes, en HESPERUS, kapt. H.P. Mulder, beiden van Marennes, en alle vier met zout.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. De notaris Blussé te Dordrecht, is voornemens vrijdag 6 juli 1827, ’s avonds acht ure, ten huize van Pieter Smits, in het logement den Engel, nabij de Rietdijksche poort, te Dordrecht, bij afslag te verkopen: de scheepssloopwerf, gelegen te Dordrecht, op de Rietdijksche Vest, get. C. No. 183, waarvan de veiling op den 2 dezer heeft plaats gehad. Nader onderricht is te bekomen bij gem. notaris Blussé, in de Voorstraat C. No. 1341.


06 juli 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Al wie genegen is een beurtschip, varende van de Lemmer op de Gorredijk et vice versa, te huren, voor de tijd van 4 of 5 jaren, of uit de hand te kopen, vervoege zich bij J.G. de Wint, in de Lemmer.


07 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. De 26e juni is alhier met het beste gevolg en buitengewone snelheid van stapel gelopen het fregatschip, genaamd DE PLANTER, gebouwd voor de rekening van de heren Gebr. Heemskerk, op de werf Hollandia, door de scheepsbouwmeester Cornelis van Swieten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Sedert onze laatste zijn in Texel binnengekomen Zr.Ms. oorlogsbrik DE PELIKAAN, kapt.-luitenant van den Bosch, uit de Middellandsche Zee (laatst van Lissabon).
Kapt.-luitenant E.B. van den Bosch, bovengemeld, heeft de 11e juni bij kaap St. Vincent ontmoet een Nederlandse hoeker, tonende vlag met n.º 202, alsmede bij de Sorlings (opm: Scilly Isles) in goede staat gepraaid het schip DE JONGE ADRIANA, kapt. J. Admiraal, van Rotterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Volgens bericht van kapt. H. Mulder, voerende het schip LOUISA EN AGATHA, van Amsterdam naar Konstantinopel en Smyrna, in dato Port-Mahon de 9e juli, was hij, na veel storm, stilte en tegenwind uitgestaan en enige onbeduidende schade bekomen te hebben, aldaar aangekomen en zou de volgende dag naar Maltha verzeilen, vermits hij te Port-Mahon geen konvooi gevonden had; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Het schip DE JONGE PIETER, kapt. E.P. Boer, van Rouaan naar Antwerpen of Hamburg, is te Quilleboeuf-sur-Seine binnengelopen, doch heeft de 28e juni de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. De 5e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis MARIA, kapt. F. van Ginkel, naar Suriname.
De 5e, des morgens zeilde uit de Maas CONCORDIA, kapt. C. Ouwehand, naar Bordeaux; CATHERINA ELISABETH MARIA, kapt. C.C. Boije, naar Elseneur.
De 5e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis JACOBA, kapt. A.K. de Groot, van Londen en de 6e, des morgens, DE VRIENDSCHAP, kapt. C. Bradhering, van Riga.
De 5e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE VROUW ANNEGINA, kapt. J.J. Boer, van Arendsburg; JOHANNA CATHARINA, kapt. J.H. Dahnert, van Pernau; ELISABETH, kapt. J. Morton, van Ipswich en zeilde DE VROUW ELISABETH, kapt. G. van Gelderen, naar Gibraltar en ELISABETH CORNELIA, kapt. J. Parlevliet, naar Newcastle; de 6e, des morgens ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Weigers, naar Pernau en DE VROUW IKINA, kapt. G.J. Postema, naar Marennes.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE EENDRAGT, kapt. J. Dillewijns, naar Londen; DE GOEDE VERWACHTING, kapt. J.J. Schuring en DE JONGE JOSEPH, kapt. J.IJ. Heuvel, naar de Oostzee.
Te Antwerpen zijn gearriveerd THEODORE, kapt. den Duijts, van Zante; JONGE TITSKE TROMP, kapt. de Jong, van Cette en CATHARINA JOSEPHINA, kapt. Muntendam, van Marennes; REINE CHÉRIE, kapt. J.C. Kuijper, van Tremblade; HEMMINA, kapt. Taay, van Noirmoutier; VROUW GERDINA, kapt. Gust en NOOIT GEDACHT, kapt. Geltes, van Bremen.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. De veiling van het brikschip ST. NICOLAAS en gereedschappen, aangekondigd tegen dinsdag den 10 juli 1827, des namiddags ten 4 ure, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, te Rotterdam, zal geen voortgang hebben, zijnde uit de hand verkocht, doch zal alsdan voortgang hebben de veiling van het hol van het galjootschip VREDE EN VRIENDSCHAP en dadelijk daarna die van het schip DIDO. (opm: na bijna een jaar te hebben stilgelegen werd de DIDO in mei 1828 onderhands naar België verkocht om als FELICITAS onder kapt. G. Mulder weer in de vaart te gaan)


  DC - Dordtsche Courant

Den 3 dezer is in Texel binnen gekomen Zr.Ms. oorlogsbrik PELICAAN, kapt. E.D. van den Bosch, uit de Middellandsche zee, laatst van Lissabon.


09 juli 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping op rechterlijk gezag op maandag 16 juli 1827 op de werf genaamd De Boot van de scheepsbouwmeester Groen, van twee stoomwerktuigen van lage drukking, elk bestemd uit te oefenen de kracht van 20 paarden, doch waarvan de kracht volgens het getal niet bepaald wordt met ketels, schoorsteen en schepraderen, zich bevindende in de stoomboot genaamd PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, gedestineerd in de vaart van hier op Harlingen.


10 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Elseneur en Dantzig het Nederlandsche kofschip JACOBA, kapt. A.K. de Groot.
Adres ten kantore Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juli. De 7e dezer arriveerden te Hellevoetsluis DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.P. Schrader, van Kopenhagen en HERMAN, kapt. J.F. Preter, van Riga.
De 8e, des morgens, zeilde JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, naar Marennes.
De 7e, des namiddags, arriveerden DE VROUW JACOBA, kapt. J.J. Rink, van Drammen; de 8e, des morgens FANNY, kapt. C.D.C. Muller, van Petersburg, als bijlegger door tegenwind en zeilden DE JONGE ALIJDA, kapt C. van der Weijden, naar Bergen.
De 8e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE NIEUWE ONDERNEMING, kapt. K.L. Domeni, van Riga en JUFFER TITIA, kapt. D.G. Schuur, van St. Maarten.
De 8e, des namiddags, arriveerden te Den Briel DE EERSTELING, kapt. H.T. Klie, van Arendsburg en HANNA CAROLINA WILHELMINA, kapt. J.C. Andershone, van Kopenhagen.
De 9e, des morgens, zeilden DE VROUW CHRISTINA, kapt. C. Cimonsen, naar Noorwegen; ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Wijgers, naar Pernau en FORTUNA, kapt. D. Houge, naar Bergen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd ANNA MARIA, kapt. Tismann, van Hamburg; DIVERDINA, kapt. Mijns, van Dantzig en VRIENDSCHAP, kapt. Plaette, van Hemden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juli. Zaterdag l.l. is regelmatig en op ene statige wijze van stapel gelopen het fregatschip ANTONIJ, groot 800 Nederlandsche tonnen, gebouwd voor rekening van de heer A. van Hoboken op deszelfs werf Rotterdams Welvaren, door de scheepsbouw meester B. de Hoog.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 juli. Het schip GEZINA JOHANNA, kapt. J.R. Sap van Rotterdam naar Petersburg is, na beide masten verloren te hebben te Reval binnengelopen, de lading was in goede staat.
Het schip A. KATS, kapt. D.S. Manje van Cette naar Amsterdam is de 12e mei bij Kaap Palos gepraaid door kapt. J.L. Reses van Genua en Nizza (opm: Nice) te Amsterdam gearriveerd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 9 juli. Aan deze stad is gearriveerd het schip TRENDE SÖSTRE, kapt. A.P. Schrader, van Kopenhagen met teer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Harlingen, 4 juli. De directie der Nederlandsche Groenlands- en Straat-Davids Visscherij-Societeit alhier heeft een brief ontvangen van kapt. Duncan, welke met zijn schip DUNDEE, kortelings in Engeland behouden is terug gekomen, nopens het verlies van het schip HARLINGEN, kapt. Hoekstra, waarin gemeld wordt, dat beide schepen elkander eerst bij Kaap Farewell en later op de Z.W. kust van Groenland ontmoetten, noordwaarts opstevenden, en trachtten, zo verre noordelijk als doenlijk zou zijn, een doortocht naar de westkust te banen. Op 73 graden noorderbreedte geraakten zij in bezetting, en werden door het ijs, op 74½ graad, voortgedreven; zij vleiden zich vrij te komen en de westkust te zullen bereiken, maar het ijs zette zich meer en meer rondom de schepen vast. De 22e augustus verhief zich een zware storm, weshalve kapt. Duncan een kom of dok, van 500 voeten lengte, liet zagen, ten einde het schip in veiligheid te stellen. De HARLINGEN was een mijl van hem verwijderd. Deszelfs equipagie trachtte een soortgelijke kom te zagen, doch de dikte en zwaarte van het ijs maakten dit ondoenlijk. De 23e augustus, omtrent 4 uren in den ochtend, ontdekte kapt. Duncan een noodvlag op de HARLINGEN, en zond dadelijk een gedeelte zijner equipagie over het ijs tot adsistentie. Deze hadden echter nauwelijks het schip verlaten, of men zag de HARLINGEN op zijde vallen, en in minder dan 5 minuten had de schok van twee tegen elkander aanstotende ijsvelden deszelfs geheel verlies ten gevolge. Van levensmiddelen had de manschap niets en van de klederen slechts een klein gedeelte kunnen redden, Dezelve werd aan boord van de DUNDEE opgenomen en verzorgd. Men hoopte steeds, dat er in de loop van augustus of september een opening in het ijs zou komen, waardoor men het ruime water zou bereiken, zich met andere schepen zou verenigen, en alzo een gedeelte der manschap van de HARLINGEN op dezelve zou kunnen verdelen, doch men bleef gedurig door uitgestrekte ijsvelden omringd, en de voorraad van levensmiddelen, ontoereikend voor beide equipagies, gedurende de lange winter, begon zeer te verminderen. Dit had op de 4e oktober een ernstige beraadslaging ten gevolge, waar bij besloten werd, dat de equipagie van de HARLINGEN de 15e dier maand het schip zou verlaten, ten einde, zo mogelijk, het etablissement Livelij te bereiken, doch het weder op de volgende dag allergunstigst zijnde, werd het vertrek bespoedigd. De boten, met genoegzame levensmiddelen voorzien, werden langs het ijs, omtrent 6 mijlen ver, gesleept, en de manschappen keerden die avond naar het schip terug. De 6e geraakten de boten in klaar water, en de 7e zag men dezelve onder zeil. Daar wind en weder de negen achtereenvolgende dagen allergunstigst waren, had kapt. Duncan alle reden te hopen en te verwachten, dat de reis naar Livelij behouden volbracht zou zijn geworden. Jaarlijks komen te Livelij Deense schepen met levensmiddelen voor die kolonie, zo dat het te verwachten is, dat de manschappen met deze proviandschepen, of met Engelse bodems zullen terugkeren. Kapt. Duncan was tot de 16 april l.l. in het ijs bezet gebleven, wanneer hij eindelijk op 63 graden noorderbreedte vrij geraakte. In het begin van februari had hij nog 2 vissen gevangen, doch veel ellende uitgestaan, en meermalen het schip moeten verlaten, uit vrees, van door de ijsvelden verpletterd te zullen worden. Op de 22e februari was men in het uiterste gevaar geweest, uit hoofde van een ijsberg dicht achter het schip, zo dat men aan deszelfs behoud wanhoopte, en het nodige op het ijs geworpen werd. Gelukkig kwam het schip vrij, doch door het nederstorten van die berg werd een gedeelte van het spek en brood, dat op het ijs lag, geheel bedolven, bij welke gelegenheid mede enige papieren en een brief van kommandant Hoekstra, verloren gingen. De koude was soms geweldig, en wanneer het woei, kon men geen 5 minuten op het dek zijn, zonder bevroren ledematen te krijgen. De zon had men in 75 dagen niet gezien.


12 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 juli. Het schip DE AASTROOM, kapt. B.J. Houwink, van Amsterdam naar Kadix, is de 29e juni op de hoogte van Portland, aan boord alles wel zijnde, gepraaid door kapt. E.J. Karst, van Bordeaux te Amsterdam gearriveerd.
Volgens brief, geschreven aan boord van het schip ALMELO, kapt. T. Smit, van Amsterdam naar Curaçao in dato 30 mei, was hetzelve als toen in goede staat zeilende op 22 gr. breedte, 34 gr. lengte, na de 6e en 15e dito door storm belopen te zijn geweest; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. De 9e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis CATHERINA ELISABETH, kapt. T. Wachter en DANIEL, kapt. S.M. Held, van Pernau; HEBE, kapt. P.D. Drost, van Libau.
De 10e, des morgens, DE VROUW MARIA, kapt. F. van den Berg, van Batavia; JOHANNA MARGARETHA, kapt. B.H. Pot, van Marennes; VERWACHTING, kapt. J.H. Diggelaar, van Riga.
De 9e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE DRIE GEBROEDERS, kapt. J.D. Nielsen, van Kubenhano (opm: waarschijnlijk verschrijving van Kopenhagen).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 juli. Kapt. F. van den Berg, voerende het schip DE VROUW MARIA, van Batavia de 10e dezer in Helvoetsluis gearriveerd, heeft de 4e op de hoogte van Goudstaart ontmoet een schip, tonende Rotterdamsche nommervlag 126, zijnde W. van der Horden en de 8e in de hoofden een hoeker, tonende de Rotterdamsche nommervlag 54, zijnde kapt. C. van Gelderen.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild THERESIA, kapt. L.J. Besseling en DE JONGE RENTE, kapt. W.R. Huisman, naar Marennes; APOLLO, kapt. D. Steur en VASCO DA GAMA, kapt. Th. Versluijs, naar Batavia; HENDRIKA, kapt. T.T. Harding, naar Oleron; DE JULIA, kapt. J.P. Visser, naar Topsham; DE LEEUW VAN ANTWERPEN, kapt. J. Jansen, naar de West-Indiën; DE VROUW HELENA, kapt. D.J. Greeven en DE VROUW ALBERDINA, kapt. P.J. Mooi, naar ……; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J. Wordmaker, naar Tonningen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 11 juli. Aan deze stad is gearriveerd het schip de JUFVROUW TITIA, kapt. D.G. Schuur van St. Martin met zout.


13 juli 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een hektjalkschip, lang over steven 13 ellen 632 strepen, wijd 3 ellen 647 strepen, en hol naar advenant, met nieuwe zeilen, lopend touwwerk, en wat verders aan een bevaren schip is toe behorend, voor vier jaren nieuw uitgehaald, liggende in de Zijlsroede te Hindelopen. Te bevragen bij Cornelis Glas, schipper aldaar, bij wie nadere informatie daaromtrent kunnen worden erlangd.


14 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 juli. De 10e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis het schip DE VIJF GEZUSTERS, kapt. J.J. Bonn, van Batavia en arriveerden DE VROUW ELISABETH, kapt. J.A. Cappen, van Stockton en de 12e , des morgens, zeilde DE JUFVROUW WILHELMINA LAURENTIA, kapt. J.J. Swart, naar Drontheim.
De 10e, des namiddags, in de Maas arriveerde ROTTERDAM, kapt. J. Laming, van Londen.
De 13e, des morgens, zeilde van Hellevoetsluis DE GOEDE HOOP, kapt. H.B. de Jong, naar Drontheim en Zr.Ms. brik van oorlog SIRENE, luitenant Klein (opm: bestemming niet vermeld)
De 12e, des namiddags, zeilde uit de Maas DOLPHIJN, kapt. N. Simmons, naar Liverpool; de 13e, des morgens, DE VROUW IKINA, kapt. G.J. Postema, naar Marennes; GOEDE VERWACHTING, kapt. A. van der Weijden, naar St. Ubes; MERCURIUS, kapt. J.P. Hendelin, naar Gamla Karleby.
Te Antwerpen zijn gearriveerd HENDRINA JOANNA, kapt. Jonker, WELVAART, kapt. Veldt en FANNIJ, kapt. Muller, van Petersburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 juli. Te Vera-Crux is aangekomen Zr.Ms. oorlogsbrik DE VALK, kapt.-luitenant van Es.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 11 juli de brik MARTA ELIZABETH, kapt. J.P. Kerkhoven, den 5 januari vertrokken van Amsterdam.


16 juli 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Scheepstijdingen. Het schip gisteren gemeld, op de buitengronden van het Vlie totaal verbrijzeld, is de Bremer brik L’ACTIVE, kapt. C.M. Smit, van Bahia, laatst van Portsmouth naar Hamburg bestemd. De kapitein en verdere equipage heeft zich met de sloep gered en zijn op de Bank de Noorderwaarder (opm: Noordvaarder) aangekomen en van daar door twee Amelander visschuiten behouden op Terschelling gebracht.


17 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 juli. De 13e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE JONGE CORNELIS, kapt. H.H. Koster, van Riga.
De 14e, des morgens, zeilden MAGDALENA CATHARINA, kapt. C. Staben, HARMONIE, kapt. P. Permien en ALEXANDER, kapt. N. Permien, naar de Oostzee; DE JONGE CORNELIA, kapt. A.H. Oortjes, naar Hull, zijnde alle wel in zee gekomen; des namiddags, DE VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Goosens, naar Bergen; NOORDSTAR, kapt. E.G. Boekhout, WIARDUS, kapt. J. Arends en DE GOUVERNEUR VAN IMHOF, kapt. G.H. Peperboom, naar ….
De 15e, des morgens, DE VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. Braam, naar Fiert of Fort (opm: Firth of Forth); DE VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuiper en DE VROUW MARGINA, kapt. J.P. de Boer, naar Drontheim; NEPTUNIS, kapt. J.F. Liepeke, naar de Oostzee; ACTIVE, kapt. J. Jansen, naar Noorwegen; CATHARINA VOS, kapt. N.A. Smaal, HERSTELLING, kapt. H.J. Braunaar (opm: H.J. Buining) en HERSTELLING, kapt. J.F. Meeske, naar ….; MARIA PETRONELLA, kapt. M.A. de Boer, naar Marennes.
Van Helvoetsluis wordt de 14e gemeld dat de volgende schepen wel in zee zijn gekomen: DE JONGE JACOBUS, kapt. P. Vis naar Batavia; DE JONGE ISABELLA, kapt. H.B. Drent, naar Bergen.
De 16e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis ENGELINA, kapt. R.H. Bok
Van Middelburg is de 11e dezer naar zee gezeild het brikschip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. J.F. Scharper, naar Demerarij.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris D. Greijdanus, te Harlingen, zal op woensdag den 25 juli 1827, des namiddags ten 4 uren precies, bij de beschrijving, en des avonds ten 7 uren precies, bij den finale palmslag, in het logement het Schippers-Gezelschap aldaar, publiek tegen strijk en verhoog geld presenteren te verkopen een welbezeild Visaak, met deszelfs bunnen, zeil en treil, ankers en verdere Scheepstoebehoren, breder volgens inventaris, lang over steven 11 ellen 63 duimen, wijd en hol naar advenant, laatst door Eit Jacobs van Ameland, als schipper bevaren; dadelijk te aanvaarden, zoals dezelve is liggende in de Zuiderhaven, voor het Houtstek van de heren S. en J. Posthuma, ten gemelde stede.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 8 juli binnen gekomen het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, met hout van Noorwegen. Uitgezeild de schonerschepen LIVELY, kapt. Sams. Finch, UNION, kapt. A. Gallaway, beide met boter naar Londen.
De 9 dito binnen gekomen het schonerschip FRIENDS, kapt. John Power, met ballast van Londen; het brikschip WILHELM FREDRIK, kapt. E.P. Horn, met hout van Noorwegen.
De 10 dito uitgezeild het kofschip TRITON, kapt. S.W. de Fries, het smakschip de VROUW ANNA, kapt. H.H. Kuiper, beide met ballast op avontuur.
De 11 dito binnen gekomen het schonerschip FAME, kapt. Wm. Barfield, met ballast van Londen; het kaagschip de JONGE SIMON, kapt. K.M. Gnodde, met hout van Noorwegen.
De 13 dito binnen gekomen de kofschepen de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.J. Arends, ANNEGINA, kapt. R. Kuipers, beide met hout van Noorwegen. Uitgezeild de schonerschepen HOPE, kapt. Wm. Cousins, HOPE, kapt. R. Burns, beide met boter naar Londen; het kofschip VRIESLANDS WELVAART, kapt. Fokke D. van Veen, met boomschors naar Liverpool.
De 14 dito uitgezeild het smakschip de JONGE JOHAN, kapt. Reinder Jans, met ballast naar Noorwegen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 14 juli. Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de ISABELLA MARIA (opm: kof, ex-ELEONORA), kapt. J.F. Ulrich, op avontuur.


19 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 juli. De 16e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis WILHELMINA, kapt. W.L. Schultz, van Riga.
De 17e, des morgens, arriveerden CHRISTINA, kapt. P. Hansen, van Memel; DE DRIE ZUSTERS, kapt. A.H. Petersen, van Rudkøbing, EENDRAGT, kapt. R.C. de Groot, van Arendsburg.
De 18e, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis JOHANNES, kapt. P.M. Heldt, van Pernau en zeilde DE TWEE BROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, naar Bergen.
De 18e, des morgens, zeilden uit de Maas VERWISSELING, kapt. C. van der Drift, naar St. Ubes; GLORIJ, kapt. S. Golder, naar Londen en HARMONIE, kapt. M.H. Schiebe, naar de Oostzee; DE VROUW HEMPKE, kapt. G. Addiks, naar Hamburg; VRIENDSCHAP, kapt. W.M. Swart, naar ….; DE JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder, naar Bergen en arriveerden DE VROUW GEZINA, kapt. B.H. Schippers, van Barnstein; MEDUSE, kapt. F.G. Buneneiij, van Londen; DE ACHT GEBROEDERS, kapt. H.H. Kramer, van Riga; DE KLEINE HANS, kapt. C.C. Haage, van Rostock en NEERLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden, van St. Ubes.
De 8e juli, op de middag, is van Rotterdam gevaren en de 14e juli, des voormiddags, te Keulen gearriveerd het schip GUNST EN VLIJT, kapt. H. Kock.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE PELIKAAN, kapt. J.H. Ricke, DE ELISA, kapt. J. Renken en DE JONGE SOPHIE, kapt. J.F. Muijs, naar Londen; HARRIET, kapt. G.L. Buijsman en DE JONGE ORANCIA, kapt. S. de Best, naar Batavia; DE JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, naar St. Ubes; DE VERWACHTING, kapt. J.H. Schipper, naar Sandwich; DE JONGE LODEWIJK, kapt. H.A. Wagenaar en GEORGE PHILIP, kapt. T.G. Rents, naar de Oostzee; THERESIA, kapt. Poodst (opm: brik THÉRÈSE, thuishaven Brugge, kapt. J. Poodts), naar de Marennes; MARIA MATHILDA, kapt. C. van der Hoeven, naar Rio-Janeiro; DE TRITON, kapt. J. Waller, naar Gothenburg.
Te Antwerpen is gearriveerd DE VROUW GEZINA, kapt. Baas, van Petersburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 juli. Het schip DE GEZUSTERS, kapt. J. Ingerman lag de 15e dezer aan Den Helder zeilree naar Batavia.


20 juli 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het Beurtschip of Boterkof genaamd, varende van IJlst op Amsterdam, met zeil en treil, ankers en touwen, groot vijftig tonnen; te bevragen bij U. van der Veer, te IJlst, die in alle billijkheid wil handelen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Bij verandering van affaire uit de hand te koop, een half Veerschip, varende van de Joure op het Heerenveen en Workum, et vice versa; te bevragen bij den eigenaar Jan D. Zijlstra, te Joure.


24 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Naar Batavia zal in de eerste dagen van de maand augustus a.s. vertrekken het te Dordrecht nieuw gebouwd, gekoperd en aldaar thans beladen wordende fregat-schip LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. Pieter Sipkes.
Personen of familien van deszelfs uitmuntende inrichting tot de overtocht naar Java wensen gebruik te maken, gelieve zich te adresseren aan de cargadoors Gerard Mauritz en Vogelzang en Co te Dordrecht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Liverpool, het Nederlandsche kofschip JONGE WILLEM, kapt. P. Janzen.
Naar Hull, het Nederlandsche kofschip VOLHARDING, kapt. Laurens teunis.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. Kapt. G.B. Bos, voerende het schip HENRIETTE EN BETSEY, de 11e mei van Suriname naar Amsterdam vertrokken en de 18e dezer in Texel binnen, rapporteert, dat een dag na hem van Suriname zou vertrekken het schip MARIA, kapt, A. Hulsen, mede naar Amsterdam.
De schepen WILHELMINA, kapt. F. Ammerman, HELENA KATARINA, kapt. H. Imcke, DE VROUW MARGARETA, kapt. D. Reents en de ever, kapt. H. van Ehre, allen van Bremen naar Amsterdam, zijn, volgens brief van Weserdijk van de 12e dezer, wegens aanhoudende tegenwinden teruggekomen en waren destijds nog op de Wezer liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. Het schip (opm: kof) MARGARETHA, kapt. J.H. Buining, met hout, van Ostrisöer naar Edam, is, volgens brief van Thisted van de 12e dezer, in de nacht van de 10e dito, op de westkust van Jutland gestrand. Het volk is gered en men hoopte ook de lading benevens de inventaris te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 juli. Door de loodsschipper C.S. Duinker is de 18e dezer, op de hoogte van Goudstaart, gepraaid Zr.Ms. pakketbrik SIRENE, luitenant Klein, van Helvoetsluis naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juli. De 20e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE SNELHEID, kapt. H.P. de Jonge, DE VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer en DE GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, van Marennes.
De 21e, des namiddags, arriveerden in de Maas VOLHARDING, kapt. L. Teunis, van Bordeaux; GEERTRUIDA, kapt. R.R. Renteler, van Marennes en MATHILDA, kapt. G. Kirkbij, van Newcastle.
De 22e, des morgens, zeilden DRIE VRIENDEN, kapt. D.R. Dirks, naar Hull; JACOBA, kapt. A.K. de Groot, naar Dantzig; TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.P. Schrader en DE STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk, naar Bergen; ALIJDA FRANKINA, kapt. J.H. Mulder, naar Drontheim; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. T.T. Borst, naar Petersburg; SOPHIA CATHARINA, kapt. M. Hansen, naar Koppenhagen; DE TWEE GEZUSTERS, kapt. J.O. Nielsen, naar Denemarken; DE JONGE PIETER, kapt. J. Addison, naar Newcastle.
De 23e, des morgens zeilde van Helvoetsluis, SNELHEID, kapt. A. van der Linden, naar Smirna.
De 23e, des morgens, zeilden van Den Briel JOHANNA, kapt. A.T. Mulder, naar Oleron; DE VROUW MARGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, naar Gibraltar; ANNEGINA, kapt. H.J. Porter, naar Marennes; LOUISA, kapt. D. Guit, naar Jersey; DE VROUW WIEA, kapt. F. Oltmans, naar Bergen; DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma, naar Hamburg; CLARA MARGARETHA, kapt. E.P. Dik, naar Dublin en DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G.E. Jonker, naar Liverpool; ZEELUST, kapt. G. Wierenga, naar Belfast en JONGE GERRIT, kapt. F. de Best, naar Portsmouth.
Te Antwerpen zijn gearriveerd DE GOEDE HOOP, kapt. de Groot, REINA, kapt. Koops en JOSEPHUS, kapt. Bakker, van Marennes.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen 19 juli. Voor Antwerpen bestemd AUGUSTE, kapt. J.G. Sap van Dantzig met houtwaren.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 23 juli. Aan deze stad is gearriveerd het schip de GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, van Marennes met zout.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 21 juli. Van den 17de dezer tot heden zijn, voor Antwerpen bestemd, alhier ter rede gekomen: REMINA, kapt. J.G. Boon, van Emden, en REMBRAND, kapt. Wm. Brown (opm: schoener, kapt. Thomas Milles Brown), van de Marennes, beide met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 20 juli het schip ABEL TASMAN, kapt. D.F. Baas, met 5 passagiers en Zr.Ms. troepen, den 5 april vertrokken van Amsterdam.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam den 21 juli. Aan de Kaap Goede Hoop het schip MARY, kapt. P.M. Stavers, van Batavia.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoping op den eiland Terschelling, ten overstaan van een bevoegd ambtenaar, op donderdag den 26 juli 1827, des voormiddag ten elf uren: Van enige balen losse tabak, benevens scheepsgoederen, geborgen uit het verongelukte schip ACTIVE, kapitein Caspar Martin Smith, komende van Bahia en gedestineerd naar Hamburg.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris T.S. van der Leij, te Langweer, zal op woensdag den 15 augustus 1827, des voormiddag ten 11 uren, ten huize van Klaas Ages Dijkstra, logementhouder te Lemmer, publiek presenteren te verkopen een overdekt Kofscheepje, zeer geschikt tot een veerschip, groot elf tonnen, laatst in gebruik bij wijlen Harmen Raterman, te Oosterzee; liggende voormeld schip thans te Lemmer, en omtrent welk alles als mede inventaris van scheepsgoederen, nadere informatie te bekomen zijn bij den heer S.B. Stellingwerf, koopman te Lemmer.


26 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Batavia, het gekoperd Nederlandse fregatschip AURORA, kapt. Floris Rietmeijer, hebbende de beste inrichtingen voor passagiers en zullende spoedig vertrekken.
Naar Suriname, het met zink gedubbeld tweedeks Nederlands fregatschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. Dirk Onnes Duif; hebbende goede inrichtingen voor passagiers.
Naar Rochefort, het Nederlands schooner-kofschip DE EERSTELING, kapt. Hans Friedrich Klie.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Suriname, mede voor passagiers, het brigantijnschip GUIANA, kapt. Fransz Popke. Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia, het Nederlands gekoperd brikschip DE JONGE ELIZABETH, kapt. A.M. Noorbeek met zeer goede inrichtingen voor passagiers, om de 15e augustus te vertrekken. Adres voor goederen bij de heren Kuijper, Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuijzen. Voor passagiers bij de kapitein aan boord van het schip liggende in de Boompjes.


  RC - Rotterdamsche Courant

’s-Gravenhage, 24 juli. Volgens ingekomen rapporten bij het ministerie van marine en kolonien is Zr.Ms. schip WATERLOO, gecommandeerd wordende door de kapitein ter zee Van Daalen en bestemd met troepen naar de Oost-Indiën, hetwelk de 9e mei 1827 de rede van Duins heeft verlaten, op de 25e daaraanvolgende, in goede staat, te Santa Cruz, op Tenerife, aangekomen; hetzelve zoude, na zich aldaar van de nodige verversingen en water te hebben voorzien, op de 29e der gemelde maand weer die rede verlaten, om deszelfs reize verder voort te zetten. De equipage en troepen bevonden zich allen in goede staat.
Ook is Zr.Ms. stoompaket CURAÇAO, onder bevel van de luitenant ter zee van de eerste klasse J.W. Moll, welke de 26e april laatstleden van de rede van Helvoetsluis naar de West-Indiën is vertrokken, op de 24e mei dezes jaars in goede staat te Suriname aangekomen, van waar dat vaartuig zich vervolgens naar Curaçao zal begeven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juli. Kapt. K. Spiegelberg, voerende het schip PARAMARIBO, meldt van de 2e juni, dat hij, na een reis van 37 dagen, uit Texel voor de rivier van Suriname was gekomen, doch door de dikte van lucht en zware stortregens geen land kunnende verkennen, dezelve voorbijgeraakt en bij Saramacca, met het vallen van het water, op de Modderbank vervallen was, waarbij het roer verloren was gegaan; spoedig weder vlot geworden zijnde en zoo goed mogelijk een ander roer te zamen gesteld hebbende, was het hem echter gelukt weder de rivier op te werken en de 2e juni voor Paramaribo in goede staat ten anker te komen; met medio juli dacht hij de terugreis naar Amsterdam aan te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juli. De schepen DE ONDERNEMING, kapt. H.M. Lelsz en ALEXANDER, kapt. Marcussen, zouden, volgens brief van Batavia van de 12e maart, binnen kort van daar naar Amsterdam vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 juli. Het brikschip JOHANNA, groot 300 Nederlandsche tonnen, gebouwd voor rekening van de heer A. van Hoboken, op de scheepstimmerwerf De Naarstigheid, door de bouwmeesters Johannes de Jong en P. Kortelant, is gister regelmatig van stapel gelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 juli. De 24e, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis EUROPA, kapt. P. Niemann.
De 24e, des morgens, arriveerden FLORA, kapt. M. Rooderkerk, van Liverpool; DE VROUW NEELTJE, kapt. J. van Gelderen en DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, van Lissabon.
De 24e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis TWEE GEBROEDERS, kapt. J.O. Duif, van Suriname.
De 24e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, van Oleron; de 25e, des morgens, zeilden HERMINA, kapt. A.J. Hubert, naar Leith; ZEELUST, kapt. A. Wieringa, naar Belfast; DE VROUW CATHARINA, kapt. R.R. Engelsman, naar Strangford; JOHANNA CATHARINA, kapt. T.H. Dahnert en DE VROUW ANNEGINA, kapt. J.J. Boon, naar de Oostzee; JOHANNA MARGARETHA, kapt. B.H. Pot, naar Oleron.
Te Antwerpen is aangekomen JULIE (opm: brik), kapt. J. Meulenbroeck, van Marennes.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, te Rotterdam, zijn van mijn mening, als last hebbende van den Heer Agent van Lloyds, op dinsdag 7 augustus 1827, des namiddags ten 4 ure, in het Logement het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt, te verkopen: de geborgen tuigage van het gestrande fregatschip HELENA CHRISTINA, gevoerd geweest door kapt. B.J. Martens, bestaande in rondhout, ankers, ketting-kabel, touwen, zeilen, geschut, watervaten, enz.; alles bij kavelingen, zo als dezelve goederen genommerd zullen zijn liggende in en op een pakhuis en zolders in de Wijnbrugstraat, wijk A No. 422, en verdere aldaar aan te wijzen plaatsen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 25 juli. Aan deze stad is gearriveerd het schip GEERTRUIDA, kapt. R.R. Tunteler, van Marennes met zout.


27 juli 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder Schreinhout, gedenkt op dinsdag den 31 juli aanstaande, des voormiddag ten elf ure, in de herberg op het Vliet alhier, bij strijkgeld te verkopen een hecht en sterk Snikschip, voorzien van nieuwe luiken, mast en sweerden, ene extra beste wigt en ruime roef.


28 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Liverpool, het Nederlands hoekerschip FLORA, kapt. Dirk Roderkerk.
Naar Petersburg, het Nederlandse kofschip (opm: waarschijnlijk smak) de VROUW GEZINA, kapt. Arend Cornelis Brouwer, om de 15e augustus aanstaande te vertrekken.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading:
Naar Riga, het Nederlandse kofschip JONGE REMKO, kapt. L.H. Duins.
Adres ten kantore Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juli. Aangaande het (opm: Noorse) galjoot ALBEONA, kapt. S.L. Juel, van Amsterdam naar Dramme, meldt van het Vlie van de 23e dezer, dat hetzelve de 20e dito, des morgens ten 8 ure, op het Vriesche Flack, dwars voor Workum, ten anker liggende, waarschijnlijk door het uitbarsten van een plank, is gezonken; hetzelve zal denkelijk weg zijn, doch de equipage, uit 9 man bestaande, is gered; zes man derzelve zijn, benevens enige tuigage, aan boord genomen bij kapt. N.P. Streij, voerende het schip NORSKE LÖWE, van Amsterdam naar Riga en de overigen bevinden zich aan boord van een Hinloper tjalk, om nog zo veel mogelijk van de tuigage te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 juli. De 25e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis CATHARINA GEERTRUIDA, kapt. D.L. Dokter, van Cette, als bijlegger op order (zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen).
De 25e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE JONGE ELISABETH, kapt. P.R. Strand, van Kopenhagen en zeilden CLARA MARGARETHA, kapt. E.P. Dik, naar Dublin; PROVIDENCE, kapt. P. Arents, naar de Oostzee.
De 27e, des morgens, is CATHARINA GEERTRUIDA, kapt. D.L. Docter, van de rede naar boven gezeild.
De 26e, des namiddags, arriveerden te Brielle KINDERLIJKE LIEFDE, kapt. W.H. Ketelaar, van Kiel; de VROUW JOHANNA (opm: smak VROUW ANNA), kapt. H.C. Uil, van Dramme.
Te Middelburg is gearriveerd het brikschip DE SARA AGATHA, kapt. L.M. Hoffman, van Suriname.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild NEPTUNES, kapt. P. Waerens; DE GOEDE HOOP, kapt. R.E. Dick, naar Stokholm; LIBRA, kapt. G.R. Engelsman, naar de Marennes en DE HOOP, kapt. H.B. Engelsman, naar Portsay.
Te Antwerpen is gearriveerd JONGE PIETER, kapt. Boer, van Havre.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. De ondergetekenden, directeuren der Dordrechtsche Scheepsreederij, verzoeken bij deze hunnen mededeelhebbers, overeenkomstig art. 7 van de Acte van Deelneming, om op nieuw, voor of op den 30 augustus aanstaande, 30 pCt. te willen fourneren, bij den eerstondergetekende, Vest, lett. C. No. 1396, tegens daar voor af te geven kwitantie.
Dordrecht, 27 juli 1827, N. Roodenburg; J.S. Vriesendorp; Jacobus de Voogd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Arrivementen: Te Riga K.IJ. Parma (opm:: NICOLAAS JOHANNES) en D.D. Flik (opm: GOEDE HOOP) van Amsterdam (de eerste in 8 en de tweede in 10 dagen uit het Vlie)


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd: den 25 juli het schip NEERLANDS KONINGIN, kapt. W. Verloop, met drie passagiers en Zr.Ms. troepen, den 6 april vertrokken van Hellevoetsluis, en ROTTERDAMS WELVAREN, kapt. A. Schaap, met acht passagiers en Zr.Ms. troepen, den 22 januari van Hellevoetsluis en den 31 maart van Ramsgate vertrokken.


29 juli 1827


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen den 23 juli. Van quarantaine is ontslagen en naar Antwerpen opgezeild de REINIERA, kapt. G.M. Meugens.


31 juli 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading:
Naar Batavia, het Nederlands gekoperd brikschip DE JONGE ELIZABETH, kapt. H. Bruhn met zeer goede inrichting voor passagiers om de 15e augustus te vertrekken.
Adres voor goederen bij de heren Kuijper, Van Dam & Smeer en Hudig & Blokhuijzen.
Voor passagiers bij de kapitein aan boord van het schip liggende in de Boompjes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading: naar Rio de Janeiro, mede voor passagiers:
het Nederlandsch nieuw gekoperd brikschip ANTWERPSCH WELVAREN, kapt. N. Peters om vóór of op de 15e augustus te vertrekken.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. De 23e dezer is door een loodsschipper C.J. Duinker gepraaid, in de Goudstaart N.W. 3 mijlen, het schip JOHANNES ARNOLDUS, kapt. P. Kerkhoven, in goede staat zeilende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. Volgens brief van kapt. D.T. Visser, voerende het schip HAVANNAH PACKET, van Amsterdam naar Havannah, in dato 13 juli, was hij toen in goede staat zeilende op 45¾ grad. noorderbreedte en 11½ grad. westerlengte (opm: 45 45 N 11 30 W) bewesten Greenwich; zijnde aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 juli. Kapt. P. Kraaij, voerende het schip ZEEMANS HOOP, meldt van Batavia, in dato 11 maart, dat hij hoopte de 16e dito gereed te zullen zijn om naar Passaroeang te zeilen, ten einde zijne lading te completeren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juli. De 27e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels, van Emden; DE FORTUNA, kapt. J.B. Valentinsen, van Bergen en DE JONGE JAN, kapt. C. Ouwehand, van Emden
De 29e, des morgens zeilde ROTTERDAM, kapt. J. Laming, naar Londen.
De 27e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE HOLLANDER, kapt. H. van der Kolff, van St. Thomas; de 28e, des morgens, zeilde DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.H. Petersen, naar Radkiobing. Des namiddags, arriveerde DE VROUW HENDRIKA, kapt. F.P. Kramer, van Pernau.
De 29e, des namiddags, zeilden van Helvoetsluis DE SNELHEID, kapt. A. van der Linden, naar Smirna; DE VROUW PETRONELLA, kapt. H.K. de Groot, naar Rochefort; CONCORDIA; kapt. B.J. de Boer, naar Brest.
De 30e, des morgens, zeilden van Brielle DIANA, kapt. A. van Dijk, naar Harwich; JONGE CORNELIS, kapt. F. de Best, naar Portmouth; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. E.G. Jonker, naar Liverpool; JASPERDINA, kapt. W.H. Kleindijk en MAARTINA ALETTA, kapt. J.G. Hoetjer, naar Elnmouth; ANNA CLASINA, kapt. S.H. Hooghout, naar Sunderland; DE HOOP, kapt. J.C. Plug, naar Harwich; DE WISSELVALLIGHEID, kapt. W. van Noord, naar Gibraltar; DE VROUW JACOBA, kapt. J.J. Rink, naar Stockton.
Te Antwerpen is gearriveerd GRAND NAVIGATEUR, kapt. Geuzenecg, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoijman, G.J. Roland Holst, H.W. Ludeker, H.I. Rietveld. J.C. Jurling en S. Willeumier Junior, makelaars, zullen op maandag de 13e augustus 1827, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, verkopen: een extraordinair welbezeild fregatschip, genaamd DE VROUW CORNELIA, gevoerd bij kapt. Daniel Steenveld, lang 28 ellen 32 duimen, wijd 7 ellen 55 duimen, hol 3 ellen 25 duimen, het verdek 1 el 86 duimen, breder bij de inventaris en bericht bij de makelaars.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen FORTUNA, kapt. J.B. Valentensen van Bergen met stokvis, en de GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels van Embden met klipzout.


  LC - Leeuwarder Courant

Vlissingen, 24 juli. Zr.Ms. stoom-pakket SURINAME, bestemd voor den dienst op de West Indiën, ruim één jaar geleden op ’s Rijks Werf alhier op stapel gezet, en thans bijna afgebouwd, is heden in de beste orde afgelopen en te water gebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 28 juli. Heden is bij de alhier gevestigde Groenland en Straat Davids Visscherij Societeit, de tijding ontvangen, dat het schip NEDERLAND, commandeur Jacob Adriaan, behouden in Texel is binnen gekomen met vijf walvissen en enige robben.
De equipage van de verongelukte Straat-Davidsvaarder HARLINGEN, commandeur Klaas Hoekstra, heeft na het verlaten van het Engelse schip DUNDEE, tien dagen met de sloepen omgezworven en veel uitgestaan, en is, na één man door koude te hebben verloren, te Upermavik aangekomen. Bij Upermavik en Pröven vijf man, die te zeer uitgeput waren om de anderen te volgen, achter gelaten hebbende, zijn de overige den 23 van Pröven
vertrokken, en den 27 met veel moeite en gevaar te Norsoak gekomen, vanwaar de commandeur en een gedeelte van het volk beproefd hebben om door het Waaigat naar Ritterbenk te gaan, doch terug hebben moeten keren, waarop de commandeur dertien zieken te Norsoak gelaten en zich met de 27 overige gezonde manschappen naar Omenak en Niakovna begeven heeft. Gedurende den winter op die kust zo goed mogelijk verzorgd zijnde, bevond zich de gehele equipage (uitgezonderd een der te Upermavik gebleven, die overleden is) den 18 mei nog te Omenak, Ritterbenk en Claushaven, behalve drie man, die door den kapt. luit. inspecteur Holböl naar Gohavn zijn overgebracht, een van welken aan boord van een Engels schip is geplaatst geworden; zijnde men voornemens om, zodra de gelegenheid dit toeliet, ook het overige volk successievelijk met aankomende schepen thuiswaarts te doen keren.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 22 juli binnen gekomen het smakschip CONCORDIA, kapt. R.P. Dik, met hout van Noorwegen. Uitgezeild de schoenerschepen VICTORY,kapt. R. Rice, FRIENDS, kapt. Johs. Power, met haver en boter naar Londen; het kofschip ELISA, kapt. Tonnes Leijre, met ballast naar Noorwegen; DIE GODE FENNER, kapt. M. Johansen, ledig naar Amsterdam.
De 23 dito binnen gekomen het schoenerschip ENIGHEDEN, kapt. Jurgen Christiansen; het brikschip MAGLESTRIE, kapt. Jens Olsen. Uitgezeild de kofschepen de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.J. Arends, ALIDA CLASINA, kapt. L.E. Tiktak, het smakschip JANTINA, kapt. K.E. Vos, alle drie met ballast naar Noorwegen.
De 26 dito uitgezeild het schoenerschip ELISABETH, kapt. John Keebel, met haver naar Londen; de smakschepen de VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Valom, de VRIENDSCHAP, kapt. J.T. Peper, het kofschip JOHANNES WILHELM (opm: JOHAN HENDRIK WILHELM), kapt. J. Assies, met ballast naar Noorwegen.
De 27 dito binnen gekomen het tjalkschip de VROUW MARGARETHA, kapt. J.H. Drent, met hout van Noorwegen. Uitgezeild het smakschip de JUFFER ENA, kapt. R.J. Haverbult, met ballast naar Noorwegen; het kofschip EENIGHEDEN, kapt. Hans Olser, met ballast op avontuur.
De 28 dito binnen gekomen de schonerschepen UNION, kapt. A. Gallaway, LIVELY, kapt. Sam Finch, HOPE, kapt. Enos Page, PROBITY, kapt. J. Harris, alle vier met ballast van Londen. Uitgezeild het kofschip de VIER GEZUSTERS, kapt. Dk. De Jong, met ballast naar Noorwegen, het schonerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, met boter naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een voor ruim vijf jaren gebouwd overdekte Praamschip, lang 11 ellen 2 palmen 9 duimen, wijd 2 ellen 9 palmen 8 duimen, en hol 1 el 1 palm 3 duimen 6 strepen, met zeil, treil en verdere annexen, zodanig hetzelve laatst bevaren is geweest door Jan Tjeerds Hoekstra, schipper te Idskenhuizen. Informatie bij den deurwaarder A.H. de Koe, te Lemmer. Brieven Franco.


02 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 augustus. De 31e passato (opm: juli), des morgens, Zr.Ms. brik van oorlog DE ZWALUW, luitenant Ampt en DIANA, kapt. C.H. Niemann, van Reval.
De 30e, des namiddags, arriveerden te Den Briel AURORA, kapt. P.J. Oosterloo en MERCURIUS, kapt, J. van Duin, van Riga; de 31e, des morgens, DE JOMGE CORNELIA, kapt. A.H. Oortjes, van Hull, als bijlegger op order.
De 31e passato, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VROUW GEERTRUIDA, kapt. L.H. Draijer, van Emden.
De 1e dezer, des morgens, zeilden uit de Maas DE VERWACHTING, kapt. H.J. Diggelaar, naar de Oostzee; DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, naar Lissabon; JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleinninga, naar Brest; DE HOOP, kapt. J.C. Plug, naar Harwich; DE STAD LINGEN, kapt. T. Schepman, naar Boston.
Van Antwerpen is de schelde afgekomen en naar zee gezeild DE VROUW HENDRINA, kapt. K. van den Oever.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE JOHANNA, van Puijveld, van Londen; HOOP, kapt. Potje, van Embden en COLONIST, kapt. Keizer, van Padang.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 juli. Volgens brief van kapt. Kerkhoven, voerende het schip JOANNES ARNOLDUS, van Amsterdam naar Suriname, in dato 23 juli, was hij alstoen op de hoogte van Goudstaart in goede staat zeilende; hebbende sedert zijn vertrek uit Texel (de 14e bevorens) slechts 2 dagen oostelijke winden gehad met stilte.
Kapt. J.P. Kerkhoven, van Amsterdam aan de Kaap de Goede Hoop gearriveerd, is de 28e februari, des middags ten 12 ure, op 0 gr. 24 min. noorderbr., 23 gr. 9 min. lengte, gepasseerd een schip onder Nederlandse vlag, hetwelk hij herkende voor het schip ROTTERDAM, kapt. T.S. Waters, de 19e januari uit Texel gezeild naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 juli. Het schip DE VROUW SOFIA (opm: tjalk VROUW SOPHIA), kapt. S.O. Visser, met tarwe, van Dantzig naar Amsterdam, is, volgens brief van Tonningen van de 22e dezer, aldaar lek binnengelopen; de lading is beschadigd gelost en opgeslagen 33 en 1 halve tonnen, welke, uit hoofde van zware beschadigdheid, de volgende dag openlijk verkocht zouden worden; de kapitein dacht tot het voortzetten der reis spoedig gereed te zullen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 juli. Kapt. C. Stibolt, voerende het schip OCEAN, van Wyborg naar Amsterdam, meldt van Elseneur van de 20e dezer, dat hij bij Falsterbø en Dragör een storm had afgereden, waarbij zijn best anker en touw verloren was gegaan. Vele schepen hadden een gelijk verlies geleden en een Engels nieuw schip was op het rif van Dragör verongelukt.


04 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus. De 1e, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis Zr.Ms. transportschip ZEEMEEUW, luitenant.t.zee Volmer.
De 2e, des morgens, zeilden DE HERSTELLING, kapt. A. Duijndam, naar Rochefort; DE JONGE JACOB, kapt. B.J. Siedles, naar Yarmouth.
De 2e, des namiddags, arriveerde URANIA, kapt. C.F. Maas, van Rostock.
De 2e, des namiddags, zeilden uit de Maas WILLEM EN KAREL, kapt. J.F. Scholte, naar ….; VAN EGMOND, kapt. J. Wilson, naar Leith; de 3e, des morgens, arriveerde EENDRAGT, kapt. B.P. de Vries, van Kopenhagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus.Het brikschip HENDRICA ELIZABETH, gevoerd door kapt. Anna Glazener, de 8e mei uit Helvoetsluis naar Smyrna gezeild, is de 7e juni te Malta binnengelopen en zou de volgende dag, onder konvooi van het Engelsch oorlogschip BRISK, kapt. Ansen, zijne reis naar Smyrna voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus. De Nederlandse kof PAULINA, kapt. J. Joossens, van Antwerpen naar Rio-Janeiro gedestineerd, de 29e van de rede van Vlissingen naar zee gezeild, is de volgende dag, door contrairie-wind met bekomene avarij, aldaar teruggekomen en ligt met gebroken mast in de Westerhaven, om te repareren.
Ook het schip ALEXANDER (brik ALEXANDRE, ex-HENRY, aangekocht uit het faillissement van J.B.H. Oreille), kapt. P.J. Colas, van Antwerpen naar Buenos-Aijres, en diezelfde dag naar zee gezeild, is mede door tegenwind aldaar terug.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild FORTUNA, kapt. J.D. Janeke, naar de Oostzee; DE VRIENDSCHAP, kapt. R.Z. Schut, naar Londen; DE WILLEM, kapt. H.W. Kiers, naar Chester; MARGARETH, kapt. H.K. Dijkhuis en de HEMMINA, kapt. S.F. Taay naar Marennes; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.K. Potjewijd, naar Yarmouth; DE JONGE LUCIA. Kapt. G. Segaert, JANNA HAZINA, kapt. B.P. Kolk, naar Leith en AURORA, kapt. B.J. Wijgers, naar Petersburg.
Te Antwerpen zijn gearriveerd FORTITUDO, kapt. Van den Broeke, van Batavia; JONGE JACOBUS, kapt. Bouwens (opm: JONGE JACOB, kapt. J. Bauwens, Oostende), van Londen en VERWACHTING, kapt. Mulder van Petersburg.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad is gearriveerd het schip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. L.H. Draaijer van Embden met klipzout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 2 augustus het schip PRINS VAN ORANJE (opm: fregat), kapt. W. Blom, met 7 passagiers en Zr.Ms. troepen, den 26 april vertrokken van Amsterdam.


07 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 augustus. De 3e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis Zr.Ms. stoompacket CURAÇAO, luitenant J.W. Mol, van Curaçao.
Van Den Briel wordt van de 4e gemeld dat kapt. Schulte niet naar zee gezeild is, maar DE
VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer, naar Dantzig.
De 5e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis KATWIJK, kapt. P.C. Stelling, van Batavia; JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, van Marennes; AURORA, kapt. J.M. Wilcken, van Riga.
De 5e, des namiddags, arriveerden in de Maas JACOBA, kapt. E.M. de Jonge, van Riga en DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon, van Lissabon; de 6e, des morgens, zeilden KAREL EN WILLEM, kapt. J.F. Schulte, naar …; JOHANNES EN WILHELMINA, kapt. D. Mooijekind, naar Londen; VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, naar Elnmouth; DE VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen, naar Leith; PERCEVERANCE, kapt. T. Westhop, naar Aldbro en DE JONGE GERRIT, kapt. L.Hus, naar King’s Lynn.
De 22e juni is te Curaçao gearriveerd het schip COLUMBUS, kapt. J. de Gorter, van Rotterdam.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JAYA, kapt. Hosma, van Batavia; HENRIETTE, kapt. Sleijper, van Matanzas; JONGE AUGUST, kapt. Durand, van Rio Grande; GERTRUDA, kapt. Laurentzen, van Londen; VRIENDSCHAP, kapt. Ketelaar, van Petersburg en MARTEN EN JAN (opm: kof), kapt. E.R. Krins, van Noirmoutier.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 6 augustus. Verleden donderdag voormiddags omstreeks 11 ure is van deze stad naar zee gezeild het alhier op de werf van den scheepsbouwmeester J. Schouten voor rekening der Dordrechtsche Maatschappij van Scheepsreederij gebouwd driemast fregatschip LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. Pieter Sipkes. Gezegd schip, aan de Nederlandsche Handel Maatschappij bevracht, gaat met troepen naar Batavia.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen FREDERIKA, kapt. J. Barends van Lübeck, en de EENDRAGT, kapt. Bartelo P. de Vries van Kopenhagen, beiden met teer.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd den 3 augustus het schip DIANA, kapt. F. Meulenbroek, met Zr.Ms. troepen, den 6 april vertrokken van Antwerpen, en het schip WILHELMINA, kapt. J. Palm, met 3 passagiers en Zr.Ms. troepen, den 6 april vertrokken van Rotterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 6 augustus. Het schip WILLEM DEN EERSTEN, commandeur J.C. Groendijk (opm: fregat WILLEM DE EERSTE, kapt. Jan Cornelisz Groendijk), door de Nederlands Groenlands en Straat Davids Visscherij Sociëteit, te Harlingen, uitgerust en de 27 maart uit het Vlie gezeild, is de 27 mei in Groenland verongelukt; de equipage is door den Rotterdamse commandeur D.J. Cupido, opgenomen en vervolgens gedeeltelijk overgezet op onderscheiden Bremer en Hamburger schepen, alsmede op het schip van de commandeur J.J. Adriaan, die de commandeur en veertien man in Texel heeft aangebracht, vanwaar zij te Harlingen zijn aangekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. De 28 juli binnen gekomen het barkschip MARTHE LOUISE, kapt. A.O. Giersoe, het kofschip ANNA CATHARINA, kapt. B.R. de Vries, het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. A.J. Wijkman, alle drie met hout van Noorwegen. Uitgezeild het galjasschip EENIGHEDEN, kapt. J. Christians, met ballast naar Noorwegen, het schoenerschip FAME, kapt. Wm. Barfield, met boter naar Noorwegen.
De 30 dito uitgezeild de kofschepen HARMONI, kapt. H.K. Potjewijd, de JONGE JAN, kapt. J.E. Bart, het smakschip de VROUW CHRISTINA, kapt. R.J. Dood, alle drie met ballast naar Noorwegen, de tjalkschepen de VROUW MARGARETHA, kapt. J.H. Drent, ledig naar Groningen, de VROUW GEZINA, kapt. Harm Seeden, met pannen naar de Oostzee.De 1 augustus binnen gekomen het schonerschip FLORA, kapt. James Mauldon, met ballast van Londen. Uitgezeild het schonerschip LIVELY, kapt. Samuel Finch, met boter naar Londen, BRILLANT, kapt. John Wilson, met haver en boter naar Hull, de tjalkschepen de VIER GEBROEDERS, kapt. T. Haijen, de GOEDE VERWACHTING, kapt. H.J. Kroeze, met pannen en steen naar Hamburg.
De 3 dito binnen gekomen de kofschepen de TWEE GEBROEDERS, kapt. W.R. Emkens, met hout van Noorwegen, de VRIENDSCHAP, kapt. G. Haverbult, en het tjalkschip de VROUW INNEGINA, kapt. W.J. Pronk, met teer van Christiaansand, het smakschip de VROUW JANTJE, kapt. J.E. Scherpbier, ledig van Amsterdam, het pinkschip NEDERLAND, kapt. J.J. Adriaan, met vijf walvissen van Groenland.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G.W. Posthuma, te Dokkum, zal op donderdag den 16 augustus e.k., des avonds ten zes uren, ten huize van Hendrik Bos, koffijhuishouder in de Zwaan te Dokkum, publiek bij strijkgeld verkopen een geoctrooieerd Veerschip, varende van Dokkum op Sneek en terug, de JONGE DOUWE genaamd, groot 17 tonnen, door Douwe de Jager als eigenaar wordende bevaren; dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden. (In LC 210827 is geboden NLG 1000)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Boelgoed bij gerede gelde te Hindelopen, op maandag 13 augustus e.k., des namiddags ten 1 uur, bij het Stads Magazijn aldaar, van een partij Scheepstuigage etc., bestaande in; een boot met zeil en fok, een sloep, twee ankers, twee zware touwen gekapt, drie diverse trossen, gekapt want en stag, vijf zeilen van onderscheidene grote, een deel blokken, enig rondhout, een restje lopend touwwerk en gescheurd zeildoek, benevens vijf watervaten met ijzeren banden, afkomstig van het verongelukte Noordse kofschip ALBEONA, gevoerd door kapitein S.L. Juell. Zullende boven en behalve de opgenoemde goederen tevens ter verkoop worden aangeboden, het overgebleven wrak, zittende in het vaarwater op het Friese Vlak bewesten Hindelopen.


09 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 augustus. Het tjalkschip de VROUW JAKOBA (opm: VROUW JACOBA), gevoerd geweest door kapt. J.S. Voogd, van Noer (bij Eckernförde) naar Amsterdam, is, na 30 juli de Eider uitgezeild te zijn, de volgende nacht op de hoogte van Langoog, naar gissing 6 mijlen van land, door een aan kapt. Voogd onbekend schip overzeild en binnen een uur daarna gezonken; het volk heeft zich in de boot gered en is door een vis-ever opgenomen en te Hamburg aangebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 augustus. Het schip DE HARMONIE, kapt. J. Möller, van Arendsburg naar de Maas, is 16 juli, te Arendsburg liggende, van twee ankers geslagen, doch gelukkig in de ketel voor zijn laatste anker in veiligheid gekomen; de kapitein was bezig de verloren ankers op te zoeken en zou zo spoedig mogelijk vertrekken; het schip en de lading waren in de beste staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. De 6e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis LOUISA, kapt. N.M. Aalborg, van Riga; CHARLOTTA FREDERIKA, kapt. C.D. Schiebe, van Pernau; CONCORDIA, kapt. N.C. Vos, van Wismar en zeilde CHRISTINA CORNELIA, kapt. J. Noord, naar Rochefort.
De 6e, des namiddags, arriveerden te Den Briel MARIA, kapt. J.F. Brouwer, van Libau; HENDRIKA, kapt. O.G. Sap, van Wismar; DE VROUW HERMINA, kapt. W.M. Cornell, JACOBA, kapt. H.R. Grimminga, ALIDA, kapt. H.F. Deddes en VIJF GEBROEDERS, kapt. L.R. Roelfsema, van Riga; HARMONIE, kapt. A. Middends, van Grijpswald (opm: Greifswald) en DE VROUW GEZINA, kapt. J.G. Vos, van Kiel; de 7e, des morgens, zeilden NEERLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden, naar Grensmouth (opm: vermoedelijk Grangemouth); HEBE, kapt. P.D. Drost, naar …..; EENDRAGT, kapt. R.E. de Groot, naar Stockton; ST. JOHANNES, kapt. P.M. Heldt, naar de Oostzee.
De 7e, des namiddags, arriveerden Zr.Ms. brik van oorlog ECHO, kapt.-luitenant Geesteranus; CASTOR EN POLLUX, kapt. H.H. Horn, van Pernau; INDUSTRIE, kapt. J. Stibolt, van Frederikshaven.
De 7e, des namiddags, zeilden van Den Briel de VROUW GEZINA, kapt. B.H. Schippers, naar … en de JONGE REMKE, kapt. L.H. Duin, naar Riga en arriveerden de JEREMIAS, kapt. L. Sijbes, LUDOLPH THEODORUS, kapt. J.A. Zijl, ST. ANTHONIE, kapt. H. Jongebloed, MARGARETHA, kapt. J. Verdoes, ANNA PAULOWNA, kapt. H. Pothoff en HET HOF, kapt. H.H. Koop, van Riga; RECONVENTION, kapt. P. Jansen, van Stockholm, COUREREN, kapt. J. Petersen, van Reval; ANTHONIUS, kapt. J.P. Schoncke,van Koningsbergen; VRIENDSCHAP, kapt. R.E. Roelfsema, van Libau; JONGE HENDRIK, kapt. W. Antons, van Nerva; DE VROUW ANTJE, kapt. T.G. Mellema, van Dantzig en HERSTELLING, kapt. W.A. Smith, van St. Petersburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Het schip HENDRICA ELISABETH, gevoerd door kapt. Anne Glazener, hetwelk de 8e juni onder convooi van het Engelsch oorlogschip BRISK van Malta naar Smyrna is vertrokken, is aldaar de 24e juni behouden aangekomen.
De 20e juli was op 42 gr. 40 min. noorderbreedte en 10 gr. 20 min. westerlengte van Greenwich, met een stijve noordoostenwind, in goede staat zeilende het schooner-barkentijnschip MARIA, kapt. Frans van Ginkel, van Rotterdam naar Suriname.
De 4e dezer arriveerde het schip DE ZEEUW, kapt. C. Riekels, van Canton, laatst van Mauritius en St. Helena.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE BRUSSELAAR, kapt. H.A. de Vries, naar Londen; REMINA, kapt. J.G. Boon, naar de Oostzee en CATHERINA JOSEPHINE, kapt. P.J. Muntendam, naar Marennes.
Te Antwerpen is gearriveerd ST. MICHEL, kapt. Brons, van Hull.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 8 augustus. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes van Marennes met zout; de VROUW GEZINA, kapt. J.L. Vos van Kiel, en de MEINSINA, kapt. D.D. Klontje van Lübeck, beiden met raapzaad.


10 augustus 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Utrecht, 6 augustus. De stoomboot CURAÇAO, kapt. Mol, welke de reis van Helvoetsluis naar Suriname in vier weken heeft afgelegd, is vandaar naar Curaçao vertrokken, vanwaar dezelve binnen vier weken, te Helvoetsluis is terug gekomen, als zijnde de 5e juli vertrokken en de 3e augustus binnen gezeild.


  LC - Leeuwarder Courant

Joure, 8 augustus. Sinds het begin van het jaar 1825, zijn op de scheepstimmerwerven van Sijmen Geerts en Zoon, alhier, gebouwd, acht kofschepen van een honderd en vijftig tot drie honderd zestig tonnen, benevens drie tjalken, waarvan tot genoegen van vele aanschouwers op gisteren met het beste gevolg te water liep, het laatst gebouwde kofschip MINERVA, groot drie honderd en veertien tonnen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping van een Tjalkschip. De notaris S.P. van Goinga, te Heerenveen, zal eerstdaags, op tijd en plaats nader te bepalen, publiek bij strijk en verhoog geld presenteren te verkopen een hecht tjalkschip, groot 60 Nederlandse tonnen, en zulks met zeil, treil, ankers en touwen, staand en lopend wand, zodanig laatst door wijlen Eize Louwrens de Haan, in leven schipper te Heerenwal, is bevaren geworden. Kunnende voornoemd tjalkschip dagelijks worden bezichtigd, liggende aan de Heerenwal onder Nieuwehaske bij het Heerenveen.


11 augustus 1827


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Indien niet vroeger uit de hand verkocht, zal in de loop van deze maand publiek geveild worden het hecht en sterk schip genaamd BONNYNAN met deszelfs ruime inventaris, de dag nader te bepalen.
Batavia, 8 augustus 1827, Miln, Haswel & Co. en Thompsom, Roberts & Co.


13 augustus 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Helder, 11 augustus. De zeildag van het schip KORTENAAR, kapt. Bloemendaal naar Batavia, opgegeven als voorgesteld op de 28e is, bij gunstige wind en goede gelegenheid, bepaald op de 16e dezer.


14 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 augustus. De 10e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, van Marennes; ST. JACOB PHILIP, kapt. J. Bruss, van Riga.
De 11e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE JUFVROUW JEANNETTE, kapt. B.J. Groothuis, van Riga; de 12e, des morgens, DE VERWACHTING, kapt. H. Gerdes, van Riga; DOLPHIJN, kapt. W. Schep, van Villa-Nova.
De 12e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis HENRIETTA CHARLOTTA, kapt. P. Bruss en ANTONIA, kapt. T. Bradhering, van Riga.
De 12e, des namiddags, arriveerden te den Briel BROEDERLIJKE LIEFDE, kapt. J. van der Wall, van Dantzig; JONGE ARIJ, kapt. A. den Breem, van Bergen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW HELENA, kapt. De Vries, van Memel; MARIA LUCIA, kapt. Keepen, van Petersburg; VROUW HARMINA, kapt. Stroeijer, van Hamburg; SPARTAN, kapt. Soele, van Boston; SANS REPOS, kapt. Pethers, VICTOIRE, kapt. Kuijper en ANNA KRANENBORG, kapt. Smet, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 augustus. Aan Den Helder ligt zeilree om naar Batavia te vertrekken Zr.Ms. oorlogschip KORTENAAR, kapt. Blommendal.
Kapt. Marcussen, voerende het schip ALEXANDER, van Batavia te Amsterdam gearriveerd, heeft de 3e dezer gepraaid Zr.Ms. transportschip DE ZEEMEEUW, luitenant.t.zee Volmer, van Helvoetsluis naar Port Mahon, kruisende in goede staat voor de Hoofden, aan boord alles wel.
Het schip MARTINA ALETTA, kapt. E.J. Meijer van Dantzig naar Best is de 6e dezer gepraaid, 6 mijl bezuiden Texel door de Texelse loods schipper P. Krijnen.


15 augustus 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Naar Demerary zal, in het laatste van september vertrekken: het snelzeilend gekoperd fregat-schip ANNA EN LOUISA, kapt. Jacob Kersjes de Jong, zijnde bijzonder goed ingericht voor de overvoering van passagiers. Die goederen te laden heeft of verkiest als passagiers mede te gaan, adresseert zich aan de heren Hoyman & Schuurman, cargadoors te Amsterdam.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Het fregat-schip, genaamd DE VROUW CORNELIA, op maandag de 13e augustus laatstleden in de Nieuwe Stads-Herberg geveild, doch opgehouden. Blijft inmiddels uit de hand te koop. Te bevragen bij de scheeps-makelaars Hoyman & Schuurman.


16 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 augustus. De 10e dezer heeft de loodschipper F.J. Duinker op de hoogte van Texel, 5 mijlen van wal, in goede staat gepraaid kapt. J.J. Aagg, voerende het kofschip DE HOOP, van Riga naar Toulon.
Het schip MARIA, kapt. W. Boutin, van Rotterdam naar Nantes, is te Duinkerken binnengelopen, doch heeft de 5e of 6e dezer de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 augustus. Het schip (opm: brik) DE VARIATIE, kapt. J.H. Brandt, van Petersburg naar Amsterdam, is, volgens brief van Koppenhagen en van de 7e dezer (daags te voren), aldaar lek binnengelopen en zou nog die dag een begin maken met lossen, om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 augustus. Volgens bericht van Hamburg, van de 10e dezer, zou het Rotterdamsche schip, gevoerd door kommandeur Kijperdam (waarschijnlijk D.J. Cupido), in Groenland verbrand, doch het volk gered en op andere Groenlandvaarders verdeeld zijn.
(opm: dit bericht is onjuist, zie RC 230827)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 augustus. De 13e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis ONVERWAGT, kapt. W. Poort, van Archangel.
De 14e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE JONGE GERRIT, kapt. P. de Best, van Portsmouth.
De 15e, des morgens, zeilde van Brielle MEDUSE, kapt. F. Burnmeijer, naar Londen; DE JONGE CORNELIA, kapt. H.H. Oortjes, naar …… en arriveerde ROTTERDAM, kapt. J. Laming van Londen.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild ANNA MARIA, kapt. L. Timan, naar Hamburg; DE GOEDE HOOP, kapt. A.W. de Groot naar de Marennes.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE CORNELIA, kapt. Ploaten, FRANCIS ALETTA, kapt. van der Sluijs, van Marseille en de THERESIA, kapt. Besseling, van Marennes.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 15 augustus. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de WESART, kapt. M.J. Harkema, en de HOOP, kapt. P.J. de Boer, beiden van Marennes met zout.


18 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 augustus. De 16e, des morgens, zeilden uit de Maas VOLHARDING, kapt. L. Teunis, naar Londenderrij; HESPERUS, kapt. P.H. Mulder, naar Port Glasgow; FLORA, kapt. D. Rooderkerk, naar Liverpool; WILHELMINA, kapt. W.L. Schults, naar Perth; EUROPE, kapt. P. Nieman, naar Rostock en arriveerden MARY, kapt. B.B. Bakker, van Ipswich en DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Stealgend, naar Blackaeij (opm: waarschijnlijk een spelfout)
De 17e, des morgens, zeilden van de Maas DE JUFVROUW TITIA, kapt. D.G. Schuur en DE ACHT GEBROEDERS, kapt. H.H. Kramer, naar Stockton; DE TWEE GEZUSTERS, kapt. A.R. Erichsen, naar Bandholm.
Te Antwerpen zijn gearriveerd OSKAR, kapt. Henderwal, van Gibraltar; FORTUNA, kapt. Quedens, van Livorno; WILHELMINA, kapt. Durr, van Bordeaux; JONGE CESAR, kapt. Unruh, van Londen.
De 23e juni is te Paramaribo gearriveerd het schip DE MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, van Rotterdam.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. De kapitein-luitenant en onder-directeur der marine in Willemsoord, als daartoe geautoriseerd zijnde door Zijne Excellentie de heer minister voor de marine en koloniën, is van mening om op zaterdag de 25e augustus 1827, des voormiddags ten elf ure, aan ’s Rijks Etablissement het Nieuwewerk, bij publieke veiling aan de meestbiedende te verkopen;
Het wrak van Zr.Ms. schip DE PRINS, liggende aan ’s Rijks Werf voornoemd.
En zulks op voorwaarden en condities die van heden af aan voor de gegadigden ter lezing zullen liggen, ter secretarie der directiën van de marine aan Willemsoord.
De kapitein-luitenant en onderdirecteur der marine, N.A. de Vries.


21 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading, naar Rio-de-Janeiro, mede voor passagiers, het Nederlandsch nieuw gekoperd brikschip ANTWERPSCH WELVAREN, kapt. N. Peters, om vóór of op de 25e dezer te vertrekken.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen, te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 augustus. De tjalk de VROUW MARGARETA, kapt. J.S. Stomp (opm: mogelijk J.T. of J.J. Stomp uit Leek), met zout van Bremen naar Zwolle, is de 11e dezer, des ochtends ten 4 ure, roerloos op Ameland gestrand en aan stukken geslagen; het volk is met veel gevaar aan land gekomen en van het tuig iets geborgen, doch de lading geheel weg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 augustus. het schip WILHELMINA LOUISA, kapt. L. Schwell, van Pillau naar Amsterdam, is de 3e dezer te Sandefjord lek binnengelopen; moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 augustus. Volgens een brief van Paramaribo van den 6 juli, zouden de schepen HESPERUS, kapt. P.S. Matsen en PAULINA, kapt. A.J. Struik, vóór of op de 15e juli naar Amsterdam vertrekken en kort daarna gevolgd worden door het schip PARAMARIBO, kapt. K. Spiegelberg, mede naar Amsterdam; de overige daar liggende schepen zouden met de 31e juli de terugreis aannemen.
De 17e dezer is door kapt. J.H. Smid gepraaid de Nederlandsche smak DE JONGE PIETER, kapt. A. de Boer, van Antwerpen naar de Oostzee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 augustus. De 17e, des namiddags, zeilden van Helvoetsluis DE HOLLANDER, kapt. H. van der Kolf, naar Marseille en arriveerde FREDERICA, kapt. E.F. Witt, van Riga; de 18e, des morgens OSIRIS, kapt. T. Hetjes, van Elbing; DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Korter, van Arendsburg; de 19e, des morgens, arriveerden AMALIA, kapt. J. Sirck, van Drontheim; LOUISA, kapt. E.E. Valk, van Riga; DE VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Goossens, van Bergen en zeilden DE SNELHEID, kapt. H.P. de Jonge, naar Londonderry en DE NIJVERHEID, kapt. L. Heijkoop, naar Vera-Cruz.
De 18e, des namiddags, arriveerden te Brielle LOUISA, kapt. D. Guijt, van Jersey; de 19e, des morgens zeilden MERCURIUS, kapt. C. Bakker, naar Hull; GEERTRUIDA, kapt. R.R. Tinteker, naar Dartmouth; DE JONGE CORNELIS, kapt. H. Koster, naar Yarmouth; MATHILDA, kapt. G. Kirkbij, naar Newcastle; DIANA, kapt. C.R. Huisman, naar ….; DE KLEINE HANS, kapt. C.G. Hagen, naar Londenderry.
De 19e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis IRIS , kapt. D.H. Nieman en NYMPHE, kapt. J.J. Burgerhardt, van Riga; CATHARINA, kapt. C. Nieman, van Reval; WILHELIMINA, kapt. P. Hansen, van Gottenburg en DE ZWAAN, kapt. T.J. Seels, van Bergen.
De 19e, des namiddags, arriveerde te Brielle FORTUNA, kapt. A. Dijrehauge, THERÈSE, kapt. J. Drost en ESPERANCE, kapt. H. Hansen, van Bergen; MAASSTROOM (opm: pink), kapt. D.J. Cupido en VRIENDSCHAP, kapt. T.G. van Rijn, van Rostock.


  DC - Dordtsche Courant

Brussel, 19 augustus. Den 16 dezer is te Brugge van stapel gelaten de nieuwe brik van 240 ton, KAREL VAN BRUGGE, gebouwd voor rekening van den heer Bogaert.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Openbare Verkoping te Zwijndrecht.
Ten overstaan van den Here Vrederechter van het canton Dordrecht Numero twee, door Fredrik Robbert Evert Nibbelink, openbaar Notaris, residerende te Zwijndrecht, van een bijzonder welgelegene en welingerichte scheepstimmerwerf, met de opstand van een op stapel staande damschuit, en verdere onroerende goederen, staande en gelegen te Zwijndrecht en Papendrecht; te weten:
No. 1. Een hecht, sterk en welgelegen huis, dijkerf en scheepstimmerwerf, met de daarop staande Lootsen en Keet, staande en gelegen te Zwijndrecht, getekend 13, waarop de Scheepmakers Affaire sedert onheugelijke jaren is geëxerceerd, nog wordt gecontinueerd, en hetwelk uit hoofde van derzelver ligging aan de rivier en goede inrichting daartoe bijzonder is geschikt, alles belend aan de ene zijde Sijgje van Noort, huisvrouw van Jan Broeksmit, de erven van Marijnis Kock en de Heer Jan van Dijk, en aan de andere zijde Willem Pleunszoon Vogel en de Uitpad van de Koornmolen. Hetwelk met den 15 september aanstaande door de koper kan worden aanvaard.
No. 2. De opstand van een op voormelde scheeptimmerwerf op stapel staande damschip.
No. 3. Een hecht, sterk en welgelegen huis en erf, staande en gelegen aan den buitenkant van den Dijk te Zwijndrecht, getekend 40, belend de kinderen van Arie van Deursen aan de ene, en Cornelis Rademakers aan de andere zijde. Verhuurd aan Jan Bakker tot den eersten mei 1828, voor vijf en vijftig cents ’s weeks.
No. 4. Een bunder veertien roeden en zeventien ellen hoog en schoon weiland, gelegen te Papendrecht, belend ten oosten Heiltje Matena, ten zuiden Jan Wapperom, ten westen Cornelis Vink, en ten noorden de weduwe Arie Knok. Verhuurd aan Arie Ooms, tot Kersmis 1827, voor acht en dertig gulden ’s jaars.
Van al hetwelk de veiling zal geschieden op zaterdag 25 augustus 1827, des namiddags ten drie ure, ten huize en herberge van Jan van Wijngaarden, te Zwijndrecht.
Zullende de afslag dadelijk na de veiling plaats hebben, en de scheeptimmerwerf en gevolgen, benevens de opstand van de damschuit, hier voor onder Numero 1 en 2 gebracht, eerst ieder afzonderlijk en daarna gecombineerd worden opgehangen en afgeslagen.
Tot het bekomen van naderde onderrichting vervoege met zich ten kantore van voornoemde notaris. Zegt het voort.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, den 18 augustus. Van Antwerpen is de Schelde afgekomen, en van onze rede naar zee gezeild L’HIRONDELLE (opm: eerste reis van deze schoener, thuishaven Antwerpen), kapt. J. Willaert, naar Malaga, met linnen.
Voor Antwerpen bestemd is alhier ter rede gekomen de galjas JULIANA, kapt. O. Kievyt, van Rio-Grande, met huiden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een extra welbezeilde Schuit, genaamd Aak of Kuif, oud acht jaren, bevaren wordende door den loodsschipper Gerrit Douwes Stevel, van Terschelling, met daarbij behorende ankers, touwen, zeilen, en verdere inventaris. Nader te bevragen vóór den 10 september 1827, bij den heer C. Ruijgh, te West Terschelling.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris E. Fockema, te Dokkum, zal ten overstaan van het Vrederecht van het kanton Dokkum, publiek verkopen een huis met aanbehoren, staande en gelegen aan de Stadswal, in wijk D, no. 74, te Dokkum, met de twee sleephellingen daarbij behorende, thans door de kinderen van Sake Jans van der Werff en anderen bewoond en gebruikt, de 12 mei 1828 te aanvaarden. Alles toebehorende aan Christiaan Wachters te Kollum, nom. ux., voor de ene helft, en aan de minderjarige kinderen van Jelte Alberts van der Woude, voor de wederhelft. Wie gading maken, komen op zaterdag den 25 augustus1827, des avond ten 7 uur, bij den provisionele palmslag, ten huize van Benne Hoekstra, Mr. Bierbrouwer te Dokkum, De condities van verkoop zijn inmiddels te vernemen ten kantore van opgemelde notaris. (In LC 310827 is geboden NLG 440)


23 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 augustus. Volgens particulieren heeft het schip DE MAASSTROOM, commandeur D.J. Cupido, te Brielle binnengekomen, 800 robben gevangen, welke 30 kwartdelen (opm: een maat van vaten) spek hebben opgeleverd. Hierdoor vervalt het bericht dat hetzelve in Groenland verbrand zou zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 augustus. Het schip ANNA MARGARETA, kapt. Muller, van Greifswald naar Amsterdam, is de 14e augustus te Bremen.
Het schip JULIUS, kapt. C.M. Mietzner, van Dantzig naar Amsterdam, is de 11e augustus, ter rede van Elseneur voor anker liggende, door een galjoot overzeild geworden; heeft daardoor de boegspriet en de helft van een anker verloren, terwijl de andere helft diep in de boeg is gestoten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 augustus. De 20e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk, van Archangel; MARIA FREDERIKA, kapt. J.C. Radman en ANNA MARIA, kapt. H. Zeplien, van Riga en DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.P. Schrader, van Bergen; de 21e, des morgens, zeilde LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sijpkes, naar Batavia.
De 20e, des namiddags, arriveerden in de Maas MARGARETHA HENDRIKA (opm: kof MAGRETHA HINDRIKA), kapt. G.J. Munneke, van Koningsbergen; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. C. Smith, van Archangel; de 21e, des morgens, zeilden DE VROUW GEZINA, kapt. J.L. Vos, naar Leith; DE VROUW JOHANNA, kapt. J. de Vries, naar Stockton; DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon, naar Lissabon; DE VROUW JACOBA, kapt. H.R. Grimminga, naar Marennes.
De 21e, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, van Bergen; de 22e, des morgens, TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong en DE STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk, van Bergen en zeilde DE JONGE ELIZABETH, kapt. H. Bruhn, naar Batavia.
De 21e, des namiddags, arriveerden te Brielle ANNA MARGARETHA CHRISTINA, kapt. M.N. Karebese, van Kopenhagen en DE VROUW WIÄ, kapt. F. Ottmans, van Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Batavia, het gekoperd Nederlandsch fregatschip AURORA, kapt. Floris Rietmeijer; hebbende de beste inrichtingen voor passagiers; ligt gereed.
Naar Suriname, het met zink gedubbeld tweedeks Nederlandsch fregatschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. Dick Onnes Duif, hebbende goede inrichtingen voor passagiers.
Naar Bordeaux, het Nederlandsch schooner kofschip DE MARGARETHA, kapt. Jacob Verdoes.
Naar Rochelle, het Nederlandsch kofschip HOOP OP WELVAART, kapt. Klaas Harms Zuininga.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 20 augustus het schip CONCORDIA, kapt. J. Kaijser, met Zr.Ms. troepen, den 21 april vertrokken van Antwerpen.


24 augustus 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoijman, T. van Olivier, J.E. Lublink, F. der Kinderen, P. Bel, A. van der Sluijs, H. Smit, J. Boelen, H.J. Rietveld, G.W. Sesink Clee, N.J. Lublink en C.A. Schröder, makelaars, zullen op maandag de 10e september 1827, ’s avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen: een extraordinair welbezeild kofschip, genaamd JACOBA HENRIETTE, gevoerd door kapitein J.G. Bart (opm: kapt. Jan Gerrits Bart, zie RC 221127), lang 26 ellen, 42 duimen; wijd 6 ellen, 22 duimen; hol 3 ellen, 6 duimen Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, T. van Olivier, J. Tentije, J.E. Lublink, F. der Kinderen, A. van der Sluijs, J. Boelen, en Z. Beuker, makelaars, zullen op maandag de 10e september 1827, ’s avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd fregatschip, genaamd FORTUNA, gevoerd door kapt. J.D.C. Meineke, lang 29 ellen, wijd 7 ellen 70 duimen, hol 3 ellen 37 duimen, het verdek 1 el 85 duimen (Nederlandse maat). Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars.


25 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 augustus. De 22e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, van Riga; de 23e, des morgens, zeilde DE JONGE ELISABETH, kapt. H. Bruhn, naar Batavia.
De 22e, des namiddags, arriveerden in de Maas RESOLUTION, kapt. G.E. Boer, van Riga; DE VROUW JOHANNA, kapt. C.T. Christoffels, van Koningsbergen.
De 23e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DELPHIN, kapt. J. Voss, NEPHTUNES, kapt. H.N. Voss, DE JONGE CAROLINA, kapt. N. Zeplien, van Riga; CATHARINA ELISABETH, kapt. Peters, van Pernau; HENRIETTE, kapt. J.J. Groot, van Libau en DE VLIEGENDE VAANDEL, kapt. J.T. Hjorth, van Stockholm.
De 23e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE DRIE GEZUSTERS, kapt. M. Finck.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE ISABELLA, kapt. Drent en EENDRAGT, kapt. Dullewijns, van Bergen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 24 augustus. Aan deze stad is gearriveerd het schip de TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Bergen in Noorwegen, met stokvis en traan.


28 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 augustus. De 24e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis ELISABETH EN CORNELIA, kapt. J. Parlevliet, van Embden en GOEDE EENDRAGT, kapt. J.J. Krüger, van Libau.
De 25e, des namiddags, arriveerden DE VROUW MAGRETHA, kapt. L.L. Rehbuck, van Kiel;
DE VROUW CATHARINA, kapt. J.B. Wilderman, van Wismar; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.F. de Boer, van de Belt; NOORDSTER, kapt. E.G. Boekhout, van Libau; DE VROUW GEZINA, kapt. J.C. Lindeboom, van Hagwacht; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. J.D. Drewes, van Roosenhof en Brock.
De 24e, des namiddags, arriveerden DE VROUW JOHANNA (opm: VROUW JANTINA), kapt. P.E. Vos, van Dantzig; HERMANIE, kapt. J. Mollij, van Arendsburg (als bijlegger op order).
De 27e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis MARIA, kapt. J. Sikkes, naar Liverpool.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild REINA, kapt. H. Koops, naar St. Martin; MARIA, kapt. P.E. de Boer, naar Lissabon; PAULINE, kapt. J. Joossens, naar Rio-Janeiro; DE JOSEPHUS, kapt. M. Bakker, naar Marennes; HENRIETTE, kapt. J.S. Slerper, naar Petersburg; JOHANNA, kapt. H. Claussen; JOHANNA ELISABETH, kapt. M. Mesdagh, naar Batavia; DE JONGE PIETER, kapt. E.P. de Boer, naar de Oostzee; DE VRIENDSCHAP, kapt. H.J. Ketelaar, naar …..; JULIE, kapt. J. Meulenbroeck, naar Noorwegen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JAN JOSEPH, kapt. Heuvel, van Memel; BRABANDER, kapt. R.R. de Haan, van Heinden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 augustus. Het schip IDA CORNELIA, kapt. G.E. Broekema, met tarwe en hennep van Koningsbergen naar Amsterdam is de 20e dezer te Holtenau zwaar lek en beschadigd binnengelopen en zou naar Rendsburg verzeilen om te lossen en te repareren.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 27 augustus. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de ZWAAN, kapt. T.J. Seel, FREIA, kapt. A.C. Drivdahl, de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.J. Brouwer; ANNA, kapt. J. Pettersen, en RESOLUTION, kapt. G.E. Boer, allen van Bergen, met stokvis en traan; FLIJGANDE FANAN, kapt. J.T. Hjort van Stockholm met teer; RESOLUTION, kapt. J.T. Flornes van Calmar, met hout; die HOFFNUNG, kapt. Johan Mewis, de VROUW GEZINA, kapt. J.C. Lindeboom, de VROUW MARGARETHA, kapt. L.L. Rehbück, en de TWEE AFWEZIGE GEBROEDERS, kapt. J.D. Drewes, van Roosenhoefer Broek, CONCORDIA, kapt. B.J. Henken, en de VROUW CATHARINA, kapt. J.R. Wildeman, beiden van Wismar, en alle zeven met raapzaad.


30 augustus 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Batavia, het gekoperd Nederlandsch fregatschip AURORA, kapt. Floris Rietmeijer; hebben de beste inrichtingen voor passagiers; ligt gereed.
Naar Suriname, het met zink gedubbeld tweedeks Nederlandsch fregatschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. G.M. Jansen; hebbende goede inrichtingen voor passagiers.
Naar Smirna, het nieuw gebouwde en gekoperde brikschip JOHANNA, kapt. Cornelis Teves, om de 1e september te vertrekken.
Naar Smirna, het nieuw gekoperd brikschip DE JONGE MARIA, kapt. Gerrit Jacobs Meeuw, om de 15e september aanstaande te vertrekken.
Naar Bordeaux, het Nederlandsch schooner kofschip DE MARGARETHA, kapt. Jacob Verdoes.
Naar Rochelle, het Nederlandsch kofschip HOOP OP WELVAART, kapt. Klaas Harms Zuininga. Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie.Te Antwerpen ligt in lading naar Batavia, om vóór of op ultimo september 1827, weder en wind dienende, van daar te vertrekken, het Nederlands-Indisch gekoperd en met koperen bouten voorziene fregatschip, genaamd DE KOLONIST, groot circa 600 tonnen, gevoerd door kapt. J.H. Kaijser. Iemand genegen zijnde daarmede enige goederen te verladen of als passagiers van deszelfs uitmuntende inrichting tot de overtocht naar Java wensende gebruik te maken, gelieve zich te adresseren ten kantore van A. van Dam, te Antwerpen, Kuijper, Van Dam en Smeer te Rotterdam en Floris der Kinderen te Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 augustus. De 27e, des namiddags arriveerden in de Maas DE JONGE WILLEM, kapt. E.W. Brink van Londen en de VROUW JANNA, kapt. W. Bossien van Kiel; de 28e, des morgens DE VRIENDSCHAP, kapt. P. Plokker, van Elmouth.
De 28e, des namiddags arriveerden te Helvoetsluis AURORA, kapt. H. Niemann, van Rostock; ANNA MARIA, kapt. J.H. Zeplien, van Riga; HARMONIE, kapt. P. Permien en CATHARINA MARGARETHA, kapt. P. Dade, van Libau.
De 28e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE VROUW FEMMINGA, kapt. A.K. Braam, van Fiert of Fort (opm: Firth of Forth); DE GOEDE HOOP, kapt. G.J. Hoetjer, van Wismar; HERSTELLING, kapt. Z. Jans, van Windau; DE VROUW HENDRIKA, kapt. W.J. Drewes, van Kiel; SARA MARIA, kapt. J.G. de Bloom, van Rosenhoferbroock (opm: niet getraceerd); SOPHIA CATHARINA, kapt. M. Hansen, van Sonderberg.
Te Middelburg is gearriveerd het kofschip DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrik, van Nerva.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 augustus. De 22e dezer is te Vlissingen binnengekomen het schip LOUISE, PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sipkes, van Dordrecht naar Batavia gedestineerd, hebbende bij het uitzeilen van het Goereesche Gat deszelfs stengen over boord gezeild en moeten kappen. Hetzelve ligt in de dokhaven om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 augustus. Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE JAN SCHOON, kapt. Schoon, van Kiel; VROUW GERBERDINA, kapt. Drent, van Hull en CLAMER GEORGE, kapt. Middendorf, van Riga.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 29 augustus. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder van Bergen met stokvis en traan; de HARMONIE, kapt. J. Möller van Arendsburg met rogge; de VROUW JANNA, kapt. W.B. Bossien, de VROUW HENDRIKJE, kapt. W.J. Drewer, beiden van Kiel, de GOEDE HOOP, kapt. G.J. Hoetjer van Wismar, en de SARA MARIA, kapt. J.G. de Bloom, van Rosenhofer Broek (opm: niet getraceerd), alle vier met zaad.


01 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading, naar Batavia, voor passagiers:
Het nieuw gebouwd gekoperd fregatschip ANTHONIJ, kapt. M. Azon Jacometti, om in de loop der maand november te vertrekken.
Het gekoperd fregatschip DE VROUW MARIA, kapt. A.M. Noorbeek, om in de loop der maand november te vertrekken.
Beide schepen hebben de uitmuntendste inrichtingen om aan personen of families een genoeglijke overtocht te verschaffen.
Adres bij de kapitein aan boord der schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche-Stoomboot-Maatschappij. Voor passagiers en koopmanschappen. Vaart tussen Amsterdam en Hamburg binnen de 34 uren.
Het stoomschip WILLEM DE EERSTE vertrekt van Amsterdam zaterdag de 1e september 1827, des morgens ten 5 ure en van Hamburg zaterdag de 8e september 1827, des morgens ten 6 ure. Partijen goederen voor de twee lasten worden tot gelijke vrachten als die der zeilvaartuigen aangenomen.
Voor passagiers en koopmanschappen. Vaart tussen Amsterdam en Londen, binnen de 34 uren.
Het stoomschip DE BEURS VAN AMSTERDAM vertrekt van Amsterdam zaterdag de 1e september 1827, des morgens ten 3 ure en van Londen zondag de 9e september 1827, des morgens ten 6 ure.
De vracht van goud en zilver voor beide diensten, met in begrip der assurantie is voor partijen boven de NLG 2000 voor het zilver ⅜ en voor het goud 5/10 per cent, zonder assurantie
⅛ per cent, terwijl voor Hamburg mede de Stader tol onder deze vracht is berekend. Effecten onder NLG 10,000 1/10 per cent en daarboven (opm: onleesbaar) per cent.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 augustus. Het schip MARGARETA, kapt. H.J. Veen, van Riga naar de Zaan, te Dantzig lek binnen, was de 18e dezer weder gereed om de reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 augustus. De 30e, des morgens, arriveerden in de Maas DE VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer, van Dantzig en UNITY, kapt. C.G. Vervall, van Rochester.


  DC - Dordtsche Courant

Den 27 dezer zijn te Brugge, aan boord van twee schepen, uit Holland aangekomen 268 man militairen om op de NATHALIE, voor rekening van de Handelmaatschappij bevracht, naar Oost-Indië ingescheept te worden.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 29 augustus het schip HELENA, kapt. D. Grim, met een passagier en Zr.Ms. troepen, den 26 april vertrokken van Texel.


03 september 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Naar Suriname en Curaҫao zal de 11e september aanstaande, weder en wind dienende, vertrekken: het snelzeilend gekoperd fregat-schip HENRIETTE EN BETSEY, gevoerd bij kapt. G.B. Bos. Iemand genegen zijnde daarmede enige goederen te verzenden of als passagier van deszelfs uitmuntende inrichting tot de overtocht wensende gebruik te maken, gelieve zich te adresseren bij de cargadoors Hoyman en Schuurman, Altena en Co., De Vries & Co. en D. Aletrino, alhier.


04 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 augustus. Het schip DE HERSTELLING, kapt. W. Landzaad Jr. (opm: Willem Landsaat Jr) zou volgens brief van Archangel van 6 juli de volgende dag gereed zijn om van daar naar de Zaan te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. Bericht is uit Texel vertrokken Zr.Ms. fregat JAVAAN, kapt. G.A. Pool, naar de Middellandsche Zee.
Door de Texelsche loodschipper F.S. Duinker, varende op de loodsschuit n.º 4, alhier binnengekomen, wordt bericht, dat hij de 23e augustus op de hoogte van Goudstaart heeft zeilende gezien Zr.Ms. oorlogschip KORTENAER, kapt.-luitenant Blommendal, hebbende een oostelijke wind met frisse koelte.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. De tjalk IDA CORNELIA, kapt. G.E. Broekema, van Koningsbergen naar Amsterdam, eerst te Holtenau en vervolgens de 21e augustus te Rendsburg lek binnengelopen, heeft, zonder de lading, welke onbeschadigd bevonden is, te lossen, de geleden schade hersteld en bereids de 23e dito de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. Het schip Margareta, kapt. H.J. Veem, van Riga naar Zaandam, te Dantzig onder reparatie gelegen hebbende, heeft de 19e augustus deszelfs reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 september. Kapt. H.A. Breeland, voerende het schip (opm: kof) ARENTINA HENDRIKA, van Riga naar Calais, meldt van Elseneur, dat hij de 14e augustus, des ochtends ten 4 ure, in de Oostzee, op 56 gr. 20 min. noorderbreedte en 19 gr. 23 min. lengte van Greenwich ontmoet heeft de Antwerpse kof PETER EN MARIA, kapt. J.D. Eggers (opm: PIETER EN MARIA, kapt. Coenrad Peter Eggers), met rogge en hennep, van Riga naar de Maas, welke in zeer lekke staat was, koers zettende naar Memel; dat kapt. Breeland, des verzocht, bij de kof gebleven was tot des avonds ten 7 ure, wanneer kapt. Eggers een sjouw hees en riep, dat hij het niet langer kon boven houden, waarop hij de sloep trachtte over boord te krijgen, welke echter door de hoge zee tegen de roef aan stukken werd geslagen. Kapt. Breeland, bij het steeds toenemende stormweer, des avonds ten 9 ure, door een stortzee een zware slagzijde bekomende, moest eerst over bakboord en vervolgens over stuurboord halzen, waarmee hij de volgende ochtend ten 5 ure weder op de plaats kwam, waar hij het schip van kapt. Eggers verlaten had, doch hetzelve niet meer vond; hebbende het, zo dacht hij, voor de wind gezet, om een haven of het strand te bereiken.
(opm: de zeebrief bereikte Antwerpen op 16 november, met vermelding ‘schip verongelukt’; of slechts de scheepspapieren zijn gevonden of dat kapitein Eggers veilig de wal heeft bereikt is onbekend; hij wordt in latere jaren echter niet meer als kapitein teruggezien)
Nog meldt kapt. Breeland, tot waarschuwing aan alle kapiteins welke Riga moeten aandoen, te zorgen van geen speelkaarten aan boord te hebben, alzo een oud spel, door de havenmeester aldaar in de tafelladen van zijn kajuit gevonden, eerst naar het tolkantoor te Riga en van daar naar Petersburg is opgezonden, waarvoor kapt. Breeland twaalf roebels heeft moeten deponeren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 september. Van Helvoetsluis wordt de 1e dezer gemeld dat des namiddags arriveerden MARIA ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, van St. Petersburg; DE JONGE GERRIT, kapt. L. Hus, van Lijnn; DE JUFVROUW WILHELMINA LOURENTIA, kapt. J.J. Swart, van Drontheim en zeilden JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, naar …., en DOLPHIJN, kapt. A. den Breems, naar Gibraltar. De 1e dezer, des morgens, zeilden DE WELVAART, kapt. M.J. Harkema, naar Marennes; JEANETTE, kapt. H.G. Winter, naar Riga; LOUISA, kapt. N.M. Aalburg, naar Portsgrouns (opm: mogelijk Porsgrunn); DE WELDAAD, kapt. W.J. Stuit (opm: W.J. Stuut), naar Lijnn (opm: King’s Lynn).
De 31e passato zeilden van Brielle DE EERSTELING, kapt. H.F. Klie, naar Rocheford; HET VERTROUWEN, kapt. B.J. Bakker, naar Londen en DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Starling, naar Biackneij.
De 1e dezer, des morgens, zeilden ANNA MARGARETHA, kapt. J. Langhenrich en DE NEUTRALITEIT, kapt. G.L. Hagen, naar Rostock; MARIA, kapt. H. Hansen, naar Aalburg; INGEBOORD ELISABETH, kapt. R.P. Strand en FREDERIKA, kapt. J. Barens, naar Stockton; AURORA, kapt. P. Oosterloo naar Newcastle; DE VROUW GEZINA, kapt. A.C. Brouwer, naar Petersburg; CONCORDIA, kapt. J.C. Vos, DE VIJF GEBROEDERS, kapt. L.R. Roelfsema, DE NOORDSTAR, kapt. H. Niemann, CASTOR EN POLLUX, kapt. H.H. Horren, AURORA, kapt. J.M. Wilkens, VERWACHTING, kapt. H. Gerdes, VRIENDSCHAP, kapt. E.R. Roelfsema, CATHARINA MARIA, kapt. J.D. Dirck en CATHARINA MARGARETHE, kapt. J. Maass, naar de Oostzee; DE JONGE ARIJ, kapt. W. Schep en COURIEREN, kapt. J. Petersen, naar Bergen; DE JONGE JEANNE, kapt. B.J. Groothuis, naar Drammen; HERSTELLING, kapt. W.A. Smit, naar Bremen; ST. ANTONIUS, kapt. H.C. Jongbloed, naar …; DE VROUW HENDRIKA, kapt. O.G. Sap, naar Nijborg; DE VIER GEBROEDERS, kapt. J.G. Riekeles, naar Memel; de ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, naar Marennes; CONCORDIA, kapt. A.E. Pot, naar St. Ubes en arriveerden DE ENGELINA JANTINA, kapt.B.J. Wijgers, van Pernau en de TWEE GEBROEDERS, kapt. H. Drewes, van Kiel.
De 2e, des namiddags, arriveerden in de Maas de VROUW ANNA, kapt. D.H. Bruss, van Petersburg en zeilden de 3e, des morgens, ONVERWAGT, kapt. W. Poort, naar Marennes; JACOBA, kapt. E.M. de Jonge, naar Yarmouth.
Te Antwerpen zijn gearriveerd CONSTANCE, kapt. P. de Boer, van Stockholm; HARMONIJ, kapt. Reus, van Petersburg; SANDERINA, kapt. Jongebloed, van Eckelfeurde (opm: Eckernförde) en VIER GEBROEDERS, kapt. Wills, van Optersziel (opm: mogelijk Ostersiel).


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 3 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JUFVROUW WILLEMINA, kapt. J.J. Swart van Drontheim met stokvis, traan en koper; die HOFFNUNG, kapt. H.F. Brahms van Wismar, en de TWEE GEBROEDERS, kapt. H. Drewes van Kiel, beiden met zaad.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De secretaris en notaris Mr. P.J. Mebius, zal op woensdag den 12 september 1827, des namiddags ten 3 uren, ten huize van K.W. Wassenaar, kastelein te Berlikum, bij den provisionele palmslag verkopen het gerechte een derde gedeelte in het Berlikumer Veer, varende van daar op Leeuwarden en vice versa, met het kwoteel aandeel in de drie Snikschepen met toe en aanbehoren, zodanig als bij Klaas Eeitjes Schiphof wordt bevaren.
(in LC 280927 is geboden NLG 777)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een half veerschip, varende van Joure op Woudsend, Sloten en Lemmer vice versa; te bevragen bij den eigenaar Rinze H. Hoekstra, te Joure, die in alle billijkheid wil handelen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Iedereen die iets te vorderen heeft van de boedel van Theunis Lykles van der Werf in leven schuitmaker te Gorredijk, wordt verzocht daarvan op gave te doen aan Notaris G.T.de Jong.


06 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Marseille het Nederlandse hoekerschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Cornelis Smit.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 september. De 30e augustus is door de loodsschipper C.J. Duinker, op de hoogte van Schouwen, gepraaid het kofschip KATARINA BERDINA, kapt. J. Karmelk, nommervlag 137 R, van Riga naar Calais.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 september. Volgens brief van de heren van Aller en Comp., te Elseneur, in dato 28 augustus, is het smakschip DEBORA EN MARIA, kapt. C.J. Caspers, met lijnzaad, hennep enz. van Koningsbergen naar Amsterdam, de 26e dito, op de hoogte van Anholt, door een Deens jacht overzeild geworden en nadat de kapitein met de equipage zich in de boot gered had, gezonken. Het volk is door een Noors galjas opgenomen en te Elseneur aangebracht. (opm: kapt. Casper Janssen Caspers, Amsterdam, was eerst in april eigenaar geworden van de ex-JAN EN JACOBUS)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 september. Kapt. H. Mulder, voerende de brik LOUISA EN AGATHA, van Amsterdam naar Smirna en Konstantinopel, meldt van Milo van de 31e juli, dat hij, met nog 20 andere schepen, onder konvooi van Zr.Ms. korvet HEKLA, de 19e dito van Malta vertrokken en de 31e dito te Milo aangekomen is, alwaar zij een goede gelegenheid tot het voortzetten der reis zouden afwachten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 september. Volgens brief van Rio-Janeiro van de 29e juli was het schip FORTUNA, kapt. Otzen, van Mallaga, verbeurd verklaard, uit welke hoofden men aan een hoger gerechtshof heeft geappelleerd en daardoor hoop had op de gehele vrijgeving van het schip en lading.


  RC - Rotterdamsche Courant

De 3e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis PENELOPE, kapt. J.C. Teunis, van Riga; de 4e, des morgens, HARMONIE, kapt. J. Stroobuur, van Bergen.
De 4e, des morgens, zeilden uit de Maas DE VROUW JANTIE, kapt. T.G. Mellema, naar de Oostzee.
De 4e, des namiddags, arriveerde DE VLIJT, kapt. E. de Vries, van Embden; de 5e, des morgens zeilden DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, naar Marennes; DE ZWAAN, kapt. T.J. Seel, naar Bergen; DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.P. Schräder, naar Kopenhagen; HET VLIEGENDE VAANDEL, kapt. J.F. Hjorth, naar Texel.
De 4e, des namiddags, arriveerden in de Maas MARIA JOHANNA ELIZABETH, kapt. H.G. Boekout, van Memel; de 5e, des morgens, zeilden HARMONIE, kapt. A. Middents, naar de Eider; FORTUNA, kapt. A. Dijreharge, naar Nijborg; DE VROUW METTRINA, kapt. T.D. Marquatt, naar Hamburg; ALIJDA, kapt. H.T. Deddes, naar Stettin; CHRISTINA, kapt. D.C. Bartels, naar de Oostzee; LOUISA, kapt. D. Guijt, naar Jersey; DE TWEE VRIENDEN, kapt. R. Sirks, naar Hull; DE VROUW HENDRIKA, kapt. T.P. Kramer, naar Marennes; SARA MARGARETHA, kapt. J.G. de Bloom en de VROUW JANNA, kapt. W.B. Bossien, naar…… en HARMONIE, kapt. G.J. Schulte, naar Stockholm.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild PASAH, kapt. H.G. Botje en DE VROUW GEZINA, kapt. N.H. Baas, naar Leith; SOERIDDEREN, kapt. C. Jensen, naar Noorwegen; CATHARINA, kapt. K.H. Schippers, naar de Oostzee; HADZEMA, kapt. J. van Wijk, naar ….; DE HOPENDE ZEEMAN, kapt. C. Plath, naar Bordeaux en PEGASUS, kapt. J. Mazens, naar Havannah.
Te Antwerpen zijn gearriveerd BARBARA, kapt. Abrams en JONGE NICOLAAS, kapt. Peters, van Petersburg en LIBRA, kapt. Engelsman, van Marennes.
Het schip LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sipkes, is de 3e dezer uit de haven van Vlissingen op de rede gehaald en heeft, zonder ten anker te komen, met een vrij gunstige wind, dadelijk de reis naar zijn bestemming voortgezet.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 23 september het schip STAD ROTTERDAM, kapt. C. Poort, met twee passagiers en Zr.Ms. troepen, den 9 mei vertrokken van Rotterdam.


07 september 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Dordrecht, de 5e september. Het schip LOUISE PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. Pieter Sipkes, in de 3e dezer uit de haven van Vlissingen op de rede gehaald en heeft zonder ten anker te komen, met een vrij gunstige wind, dadelijk de reis naar Batavia voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Publieke verkoping voor contant geld. Op zaterdag de 15e september 1827, des namiddags te 2 uren, zal te Delfzijl, ten huize van de kastelein H.G. Roelfsema, ten verzoeke van de kapitein Ludwig Fretwurst, publiek voor contant geld worden verkocht een smakschipshol, genaamd de VROUW ANNA, laatst bevaren door opgemelde kapitein, en liggende bij scheepstimmerwerf Concordia (opm: aan de monding van het Damsterdiep), nabij Delfzijl, en de inventaris van welgemeld schip, invoege als zulks bij kavelingen zal worden aangewezen. Een en ander kan op de dag van verkoop worden bezichtigd.


08 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 september. De 5e dezer, des namiddags arriveerden te Brielle DIANA, kapt. W.J. Stuit, van Memel en DE VROUW MARCHINA, kapt. J.W. Boer, van Drontheim.
De 7e, des morgens, zeilde DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Korter, naar Marennes; LUDOLPH THEODORUS, kapt. J.A. Zijl, naar Marennes; CATHARINA MARIA, kapt. E. Dade, naar Rostock.
Van Helvoetsluis zeilde de 5e, des namiddags, HENRIETTE, kapt. J.J. Groot, naar Libau en arriveerden KLAZINA EN DIRKJE, kapt. C. Schilperoord van St. Ubes; DE VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuiper van Drontheim en MINERVA, kapt. Segebarth, van Archangel.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild le ST. MICHEL, kapt. E.P. Brons en NIKOLAAS, kapt. J. Schippers, naar ….; THE WASHINGTON, kapt. B. Schreven, naar Gibraltar; ANTWERPSCH WELVAREN, kapt. N. Peters, naar Rio-Janeiro; THERESIA, kapt. L.J. Besseling, naar Marennes.
Te Antwerpen is gearriveerd ANTWERPS PACKET, kapt. Hawegh, van Hull en JACOBA, kapt. de Groot, van Dantzig.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 5 september. Volgens een brief van kapt. H.H. Bleeker, voerende het fregatschip GEERTRUIDA EN ELISABETH, van St. Catharina te Montevideo gearriveerd, in dato Montevideo van den 10 juni, is hetzelve op den 26 april door de te Buenos Aires behorende kaper EL VINCEDOR DE ITUZAINGAS genomen geworden, die na het schip van alles, waaronder ook de proviand, beroofd, de kapitein deerlijk mishandeld en zijn equipaadje, uitgezonderd twee jongens, van boord genomen te hebben, een prijsmeester met volk, in derzelver plaats zond, met orde om naar de kust van Patagonië te zeilen. Nadat de kaper, van den 28 april, met slecht weder, hen verlaten had, zetten zij, door een gestadige hongersnood en ieder uur met de dood bedreigd wordende, tot den 31 mei de reis voort, op welke dag een opstand onder het volk des kapers, wegens gebrek aan levensmiddelen, uitbrak, waarbij de prijsmeester met de koksbijl het hoofd verbrijzeld en over boord geworpen werd. Kapitein Bleeker, met de twee jongens, was veroordeeld om hetzelfde lot te ondergaan, doch niemand van hen het schip over zee kunnende brengen, werd zulks uitgesteld tot dat men land konde zien. Van deze gelegenheid maakte de kapitein gebruik, en wist enige van het kapersvolk op zijn zijde te krijgen, waardoor hij de overhand en het bevel van het schip terug bekwam; hij zette vervolgens koers naar Montevideo en kwam in de nacht van 24 mei aldaar ten anker, niet zonder gevaar van weder genomen te zullen worden, zijnde de kaper de 25 dito reeds voor de baai teruggekomen.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen MINERVA, kapt. J.P. Segebarth van Archangel met teer, pek en matten; de VLIJT, kapt. E.E. de Vries van Liverpool en Embden met klipzout en stukgoed; de VROUW MAARCHINA, kapt. J.P. Boer van Drontheim met stokvis, en HARMONIE, kapt. Jacob Stroobuur van Bergen met stokvis en traan.


10 september 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Verkoop bij executie, ter audiëntie der rechtbank van eerste aanleg, zitting hebbende te Amsterdam, ten overstaan van de heer Mr. W.D. Cramer, als rechter-commissaris; van een extra welbezeild tjalk-schip, genaamd DE VROUW THEDA, liggende achter het Bothuisje, voor deze stad, zijnde groot zeven en twintig tonnen, lang over steven vijftien ellen, tien duimen; wijd twee ellen, negen en tachtig duimen; hol een el, veertig duimen en zulks met al derzelfs rondhout, staand en lopend want, ankers, zeilen, touwen en verder scheepsbehoeften, als: twee ankers, twee ankertouwen, een groot zeil, een stagfok, een kluiffok, twee watervaten, staand want en stag, lopende vallen, een boegspriet, een boot, haak en boom, twee kompassen en een puts, een ijzeren aschpot, een dito kookpot en enig lopend touwwerk.
Deze executie geschiedt ten verzoeke van Boelders en Albers; de Wed. Frans van Heukelom en Zoon; G. Bonnike en Zonen; Gallenkamp en Jacobs; Kaupe en Wilde en Wm. van Kempe, kooplieden, behoorlijk gepatenteerd, als bij behoorlijk endossement houders en
eigenaars van de bodemarij waaruit geageerd wordt, hun domicilium kiezende ten huize van hun procureur in dezen J.E. Blomkolk, op de Heeregracht; bij de Gasthuismolensteeg, n°. 187, op ende jegens schipper Harm Ahrens, voerende het voormelde tjalkschip, liggende als voren en zijnde hij tevens eigenaar van hetzelve.
Uit krachte van een vonnis, bij de rechter van eerste aanleg, zittende te Amsterdam, recht doende in zaken van koophandel, in dato 25 juli 1827, gewezen behoorlijk geregistreerd, geëxpedieerd en gesignificeerd en waarbij dezelve schipper Harm Ahrens is gecondemneerd in de voldoening van een bodemarijbrief, met de premie, groot NLG 4.341, Nederlandse courant en de interessen en kosten, onder aftrek van de verdiende vracht en de ordinaire en extra ordinaire-averijen, hem van de executanten competerende, alsmede van een vonnis, bij de rechtbank van eerste aanleg, zittende te Amsterdam, in dato 22 augustus 1827 gewezen, mede behoorlijk geregistreerd en gesignificeerd en waarbij de verkoop bij executie is geordonneerd, ten overstaan van bovengemelde rechtercommissaris.
De rechtsdag der eerste opbieding van voorm. tjalkschip enz. zal plaats hebben op maandag de zeventiende september 1827, des middags ten twaalf ure, op het stadhuis in het lokaal van executie-verkoping.
Het voornoemde schip en toebehoren wordt door de executanten gesteld op een somma van NLG 50:-, boven en behalve de lasten.


11 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 september. De 9e, des morgens, zeilden van Helvoetsluis ANNA, kapt. J. Petersen en JOHANNA, kapt. C. Teves, naar Smijrna.
De 7e, des namiddags arriveerden te Brielle DE JONGE MARGARETHA VAN GRONINGEN, kapt. J.H. Drent en DE VROUW ANNEGINA VAN GRONINGEN, kapt. D.H. de Boer, van Wismar en de 8e, des morgens, DE KINDERLIJKE LIEFDE, kapt. W.K. Ketelaar, van Kiel en zeilden DE STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk, naar Marennes; JEREMIAS, kapt. M. Sijbes en HARMONIE, kapt. W.M. Cornell, naar……; RESOLUTION, kapt. G.E. Boer, naar Bergen; DE FREDERIKA, kapt. C.F. Witt, ANNA MAGERETHA, kapt. H. Zeplien, naar de
Oostzee; des namiddags, arriveerden DE TWEE GEBROEDERS, kapt. E.M. Larssen, van Libau; BROEDERLIEFDE, kapt. A.A. van der Wall, van Kiel en DE TROOST VOOR MOEDERLOOS, kapt. R.G. Niemann, van Dantzig; de 9e, des morgens, zeilden DE VROUW METTRINA, kapt. F.G. Marguart, naar Hamburg; DE VROUW GEERTRUIDA, kapt. J.H. Draijer, naar Leith; DE GOEDE HOOP, kapt. G.J. Hoetjer, LOUISA, kapt. E.E. Valk, OSIRIS, kapt. F. Heijes, DE JONGE JACOB, kapt. H.P. Bronkes (opm: kapt. J. Bauwens), HENDRIKA, kapt. W.J. Drewes, CONCORDIA, kapt. B.J. Hijnken en DE VROUW CATHARINA, kapt. J.B. Wild, naar ….; DE VROUW JOHANNA, , kapt. C.F. Christoffer, naar de Oostzee; nog zeilden even voor posttijd HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk, naar Villanova.
De 10e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis MARIA FREDERIKA, kapt. J.C. Radman, naar Swinemunde.
De 9e, des namiddags, arriveerden te Brielle DE HOOP, kapt. W. van der Horden, van Bergen; de 10e, des morgens, zeilde DE VROUW WIÄ (opm: VROUW WIEA), kapt. F. Oltmans, naar ….; (opm: de VROUW WIEA, kapt. Frederik Anton Oltmans, is waarschijnlijk de in 1826 gebouwde kof ALIDA JOHANNA, waarvan de kapitein-eigenaar Koert Willems Stuit in januari 1827 was overleden, zie AC 270127; kapt. Oltmans vertrok met o.m. stuurman Leendert Koster op 23 september 1827 van een onbekende plaats met onbekende bestemming en is sindsdien vermist [zie advertentie DC 25.11.1845])
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW LUBBEGINA, kapt. Weerd, van Emden en WANSHOPEN, kapt. Gorts, van Stockholm.


  DC - Dordtsche Courant

Den 4 dezer is van Ostende naar Batavia vertrokken, het te Brugge voor rekening der Nederlandsche Handel Maatschappij bevracht driemastschip NATHALIE, beladen met verschillende goederen en 170 man troepen aan boord hebbende.


  DC - Dordtsche Courant

De ondergetekenden, directeuren der Dordrechtsche Scheepsreederij, verzoeken bij dezen hunne Mededeelhebbers, overeenkomstig Artikel 7 van de Akte van Deelneming, om voor of op den 15 oktober aanstaande bij de eerstondergetekende, Vest, Lett. C No, 1396, de laatste 10 procent te willen fourneren, benevens de kwitantien van de vorige fournissementen, om, ingevolge Art. 8 der gemelde Akte, tegens bewijs van aandeel te worden ingewisseld.
Dordrecht, 10 september 1827, N. Roodenburg; J.S. Vriesendorp; J. de Voogd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 10 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VROUW ANNEGINA, kapt. M.D. de Jonge, en de JONGE MARGARETHA, kapt. J.H. Drenth, beiden van Wismar; de KINDERLIJKE LIEFDE, kapt. W.H. Ketelaar, en de BROEDERLIEFDE, kapt. A.A. van der Wiel, beiden van Kiel, en alle vier met raapzaad.


  BC - Bataviasche Courant

Zr.Ms. WATERLOO, commandant kapt. ter zee Van Daalen, den 9 mei van Duins vertrokken met Zr.Ms. troepen, den 24 augustus Straat Sunda gepasseerd, arriveerde den 2 september te Samarang.


  LC - Leeuwarder Courant

Alblasserdam, 6 september. Gisteren is alhier met het beste gevolg in weinige minuten van stapel gelopen het oorlogs-stoomvaartuig, genoemd ORESTES, lang ruim 48 ellen, gebouwd door de scheepsbouwmeester Cornelis Smit, voor rekening en onder de directie van de Stoomboot Maatschappij te Rotterdam. Deze boot is van ongewone bouworde, met geheel vlakke bodem, voorzien van schuifkielen, en de eerste van zodanige timmering in dit Rijk.


13 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Suriname. Het met zink gedubbeld tweedeks Nederlands fregatschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. G.M. Jansen; hebbende goede inrichtingen voor passagiers.
Naar Gibraltar, Maltha en Smirna, het nieuw gekoperd brikschip DE JONGE MARIA, kapt. Gerrit Jacob Meeuw, om de 15e september aanstaande te vertrekken.
Naar Nantes, het Nederlands kofschip, DE VROUW ANNA, kapt. Hendrik Klasen Wijkmeijer, om uiterlijk de 20e september te vertrekken.
Naar Marseille, het Nederlands hoekerschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Cornelis Smit.
Adres ten kantore van Kuijper, van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 september. Het schip AMSTERDAMS PACKET, kapt. H. Döllner (opm: buitenlander), van … naar Amsterdam, is in de ochtend van de 1e dezer op Damsteensrif, bij Callen, gestrand en geheel verongelukt, doch het volk gered en de lading, ofschoon beschadigd, geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 september. Te Tonningen heeft men de 6e dezer bericht ontvangen, dat beneden de Eider totaal verongelukt is een klein schip. Zo men vreesde, gevoerd door kapt. J.H. Swart, van Schulperzijl (opm: Schülpersiel) naar Amsterdam. (opm: zie RC 180927)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 september. De 10e, des namiddags, arriveerden te Hellevoetsluis ANNA SOPHIA, kapt. E.A. Bock, van Marennes en de 11e, des morgens, ELIZA, kapt. Harvey, van Ramsgate.
Van Brielle wordt gemeld dat de 11e, des morgens, zeilden DE VROUW FEMMEGINA, kapt. J.B. Gallens, naar Perth, DE BROEDERLIJKE LIEFDE, kapt. J.A. van der Wall, naar ……
De 11e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis JOHANNA, kapt. A.F. Mulder en JOHANNA MARGARETHA, kapt. B.H. Pot, van Oleron; DE GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, van Marennes, CLARA MAGARETHA, kapt. E.P. Dik, van Cardiff; DE TWEE GEBROEDERS, kapt. L. Maasdijk; de 12e, des morgens arriveerde ENGELINA, kapt. R.H. Bok, van Marennes.
De 11e, des namiddags, zeilden uit de Maas DE DRIE GEZUSTERS, kapt. M. Finck, naar de Oostzee; CLEOPATRA, kapt. J. Harmans, naar Hamburg en arriveerden DE JOHANNES EN WILHELMINA, kapt. D. Mooijekind, van Londen; DE BASTIAAN, kapt. J. Plug, van Sathan; DE VROUW IKINA, kapt. G.J. Postema, van Marennes; de 12e, des morgens, zeilden DE VROUW JANTINA, kapt. P.E. Vos, naar ….; LOUISA EMELIA, kapt. G. Ernst, HENDRIKA ANGELINA, kapt. A. Busse, naar de Oostzee.
Van Middelburg is naar zee gezeild het kofschip DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwrik, naar de Marennes.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild LA JOYEUSE ARRIVÉE, kapt. F. Beniest, naar Weercaan (opm: niet traceerbaar); NORNA, kapt. W. Rand, naar Boston; DE JONGE JOHANNA, kapt. J. van Puijvelde, MINERVA, kapt. T. Mooi, naar Londen; DE JONGE AUGUST, kapt. P.A. Durand, naar Rio-Grande en DE HOOP, kapt. J.G. Potje, naar Bedfort.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW ALBERDINA, kapt. Maak (opm: mogelijk kapt. P.E. Mooi); NEDERLANDER, kapt. E. Mazens, van Rio Janeiro.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 12 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen JOHANNA MARIA, kapt. C.J. Luths van Kniphuijzerziel (opm: Kniphausersiel) met raapzaad; JOHN THOMAS, kapt. D. Gordon van Cardiff met blik en ijzer; ANNA SOPHIA, kapt. E.A. Bock, en de GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, beiden van Marennes, JOHANNA MARGARETHA, kapt. B.H. Pot, en JOHANNA, kapt. H.T. Mulder, beiden van Oléron, en alle vier met zout.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 11 september. Voor Antwerpen bestemd op onze rede gekomen de TWEE BROEDERS, kapt. J.K. Potjewijd; JACOBA (opm: VROUW JACOBA), kapt. H.R. Grimminga, en de GOEDE HOOP, kapt. H.W. de Groot, alle drie van de Marennes, met zout.


15 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 september. Dezer dagen heeft de heer gouverneur van Overijssel, vergezeld door de griffier van staten, door de hoofdingenieur, door de burgemeester van Kampen en andere ambtenaren, op de stoomboot DE IJSSEL, in ogenschouw genomen het kanaal, hetwelk met veel kosten en moeite door de regering van Kampen, aan een der monden van de rivier den IJssel kunnen bevaren, een gemakkelijk en spoedige uitweg naar zee vinden en zal de stoomboot, welke tussen Kampen en Amsterdam vaart, geregeld voor de stad kunnen komen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 september. De 12e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE GOEDE VERWAGTING, kapt. A. van der Weijde, van St. Ubes (zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen).
De 13e, des morgens, zeilden van Brielle DE VROUW MARGARETHA, kapt. E.H. Pot, naar Hamburg; DE JONGE HELENA, kapt. H.J. Beeckman, naar St. Petersburg.
De 13e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE HERSTELLING, kapt. A. Duijndam, van Oleron; DIANA, kapt. E.R. Huisman, van Marennes (als bijlegger op order); de 14e, des morgens DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden, van Lissabon (zijnde na de visitatie vande quarantaine ontslagen).
De 13e, des namiddags, arriveerden te Brielle HET VERTROUWEN, kapt. B.J. Bakker, van Colchester en DE JUFVROUW MARIE, kapt. C. Wapenaar, van Nantes.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild MAARTEN EN JAN, kapt. E.R. Kruis, naar ……; DE VIGILANTIA, kapt. H.J. Oortjes, naar Amsterdam; CLOTHILDE, kapt. H.J. Polter, naar Palermo; INTRÉPRIDE, kapt. J.C. Kleinod, naar Lissabon; DE VROUW HELENA, kapt. F.J. de Winter, naar Plymouth.
Te Antwerpen zijn gearriveerd ONDERVINDING, kapt. L. Cornelis en ELIZA, kapt. Renke, van Londen; CONCORDIA, kapt. Ouwehand, van Bordeaux; MARIA, kapt. Borghers, van Licata; HOOP, kapt. Hazenoot, van Lissabon; TWEE GEBROEDERS, kapt. Potjewijd, GOEDE HOOP, kapt De Groot, JOSEPHUS, kapt. Bakker, MARGRITA, kapt. Dijkhuis en KAREL EN WILLEM, kapt. Schultje, van Marennes.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 14 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen die FRAU MITHA, kapt. Folkert Martens van Rusterziel (opm: Rüstersiel) met raapzaad, en ENGELINA, kapt. R.H. Bok van Marennes met zout.


18 september 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en sterk gebouwde Praam, lang 13 ellen 2 palmen (46 voeten), wijd 2 ellen 8 palmen 5 duimen (10 voeten), uitgehaald in 1817. Geschikt voor pannen, steen, klei en andere werkzaamheden; nadere informatie bij de boekverkoper A.F. de Ruiter te Harlingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 september. De 14e, des namiddags arriveerden te Helvoetsluis ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, van Marennes en DE HERSTELLER, kapt. C. van der Wind, van Riga.
De 15e, des morgens, RESOLUTION, kapt. J.P. Meincke, van Riga en zeilden MARIA ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, naar Villenova. Des namiddags arriveerden FREDERIKA, kapt. J.J. Bunning, van Libau. De 16e, des morgens, zeilden DE JUFVROUW WILHELMINA LOURENTIA, kapt. J.J. Swart, naar Oleron en arriveerden JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga, van Oleron.
De 15e, des morgens, arriveerden in de Maas DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, van Lissabon en DE VERWISSELING, kapt. C. van der Drift, van St. Ubes.
De 17e, des morgens, zeilden van Helvoetsluis ROTTESTROOM, kapt. J. Glazener, naar Havana; DE GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels, naar Bordeaux.
De 16e, des namiddags, zeilden uit de Maas DE JONGE EGBERTUS, kapt. J.P. Mulder, naar Poole; DE HOOP, kapt. P.J. de Boer, naar Dublin; DE AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, naar Marennes; DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, naar Southampton; DOLPHIJN, kapt. J. Voss, CATHARINA ELISABETH, kapt. C. Peters, AURORA, kapt. H. Niemann, HARMONIE, kapt. P. Permien, ANNA MARGARETHA, kapt. H. Niemann en DE JONGE CAROLINA, kapt. N. Zeplien, naar de Oostzee; WILHELMINA, kapt. P. Hansen, naar Fiert of Fort (opm: Firth of Forth) en DE JONGE HENDRIK, kapt. W. Antons, naar Stockton.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE JUFVROUW ELISABETH, kapt. Berge, van Rio-Janeiro; DIANA, kapt. Albers, van Memel; DE LEEUW, kapt. Verbrugge, PELICAAN, kapt. Rieke, JULIA, kapt. Visser, HEMMINA, kapt. Taay, JONGE FERDINAND, kapt. Doesken en REINA, kapt. Koops, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 september. Het voor enige dagen geleden (opm: zie RC 130927) in de Eider verongelukte schip is werkelijk gebleken te zijn dat van kapt. J.H. Swart, van Schulperzijl (opm: Schülpersiel) naar Amsterdam; gelukkig echter heeft daarbij niemand het leven verloren en is het schip, hetwelk bijna 2 ellen onder water heeft gelegen, nadat men het lek gestopt had, te Tonningen binnengebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 september. Kapt. J.C. Reus, van Amsterdam naar de Oostzee, de 5e dezer te Elseneur aangekomen, heeft de 4e dito bij Nidingen (opm: Niddingen) gepraaid het schip JONGE WILLEM, kapt. P.P. Jobs, van Petersburg en bij Waesburg (opm: vermoedelijk Varberg) gezien het schip WELBEDACHT, kapt. J.A. Engels, van Nerva, beiden naar Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 17 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de HERSTELLER, kapt. C. van der Wind van Riga met hout; JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga van Oleron, en de VROUW ANNEGINA, kapt. J.H. Potjer van Marennes, beiden met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia, 17 september. Volgens een van de commandant en directeur van Zr.Ms. zeemacht in Oost-Indië ingekomen bericht is de luitenant ter zee Westphaal, commanderende Zr.Ms. schoener ZEEMEEUW, op den 6 en 7 dezer, nabij de Karang Sidoelangs en de hoek van Pamanoekan, met vijf grote roverspraauwen slaags geweest, en heeft dezelve, door een wel bestuurd vuur, hetwelk hun veel schade moet hebben toegebracht, genoodzaakt de vlucht te nemen, waardoor het bekende voornemen van gemelde rovers om zich van de naar Tjassem bestemde particuliere bark SUSANNA meester te maken is verijdeld geworden.


20 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 september. Het schip HOOP, kapt. H. Poppen, van Padang naar Antwerpen, de 12e dezer te Cowes binnengelopen, heeft de 13e dito hun reis vervolgd.
Het schip ZEEMEEUW, kapt. J.H. Veer, ligt aan Den Helder zeilree naar Batavia tot de 19e dezer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 september. De 17e, des namiddags, arriveerden te Brielle MERCURIUS, kapt. P. Henlien, van Finland, ELISABETH, kapt. T. Vos, van Riga en FRITS, kapt. J. Petersen, van Stockholm.
De 18e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DIANA, kapt. C.M. Hansen, van Riga.
Te Antwerpen is gearriveerd HOOP, kapt. Poppen, van Padang.


  DC - Dordtsche Courant

Een ieder wordt gewaarschuwd geen crediet te geven aan de equipage van het te Dordrecht liggend Nederlands galjootschip de HERSTELLER, kapt. C. van der Wind, zullende daarvan geen betaling door of van wegen gemelde kapitein geschieden.


21 september 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een half nieuwe veerschip met octrooi, varende van Heerenveen op Leeuwarden vice versa, dadelijk te aanvaarden. Nadere informatie ten kantore van Mr. Metz, notaris te Heerenveen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. C.P.E. Robidé van der Aa, procureur bij de Rechtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Leeuwarden, als gelastigde van deszelfs principalen, gedenkt, ten overstaan van den deurwaarder Jelle Annes Nijsloot, publiek te verkopen zeker hecht, sterk en welbezeild Tjalkschip, genoemd de GUNST, thans liggende in de Stads Gracht te Leeuwarden, en laatstelijk bevaren geweest bij Jelke Jans, schipper te Leeuwarden; zijnde lang tussen de stevens 17 ellen, wijd 3 ellen 16 duimen, hoog naar advenant, gemeten op 63 tonnen, met zeil, treil en verdere toe en aanbehoren, waarvan de inventaris en verkoop condities zijn te vernemen ten kantore van Mr. C.P.E. Robidé van der Aa, in de Beijerstraat te Leeuwarden, letter G, no. 135.
Wie hier naar gading maakt, komt op maandag den 24 september 1827, bij de finale toewijzing, des namiddags ten drie uren, ten huize van F. Zoutman, kastelein in het Schippershuis, op het Vliet bij Leeuwarden.


22 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij. Voor passagiers en koopmanschappen.
Vaart tussen Amsterdam en Hamburg, binnen de 34 uren.
Het stoomschip WILLEM DE EERSTE vertrekt gedurende dit jaar van Amsterdam des zaterdags ochtends ten 3 ure en wel de 29e september, 13 en 27 oktober en van Hamburg almede des zaterdags ochtends, doch ten 6 ure, de 6e en 20e oktober en laatstelijk de 3e november.
Partijen goederen boven het last worden tot gelijke vrachten als die der zeilvaartuigen aangenomen.
Voor passagiers en koopmanschappen.
Het stoomschip DE BEURS VAN AMSTERDAM vertrekt gedurende dit jaar van Amsterdam des zaterdags ochtends ten 3 ure en wel de 29e september, 13 en 27 oktober en van Londen des zondags ten 6 ure, de 7e en 21e oktober en laatstelijk de 4e november.
Met die dag zal, zo wel voor Londen als voor Hamburg, de vaart voor dit jaar gesloten zijn.
De vracht van goud en zilver voor beide diensten, met in begrip der assurantie is voor partijen boven de NLG 2000 voor het zilver ⅜ en voor het goud 5/10 per cent, zonder assurantie ⅛ per cent, terwijl voor Hamburg mede de Stader tol onder deze vracht is berekend. Effecten onder NLG 10,000 1/10 per cent en daarboven (onleesbaar) per cent.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 september. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen C. van Zameren (opm: pink VIER GEZUSTERS) van Suriname.
RC 220927
Rotterdam, 21 september. De 19e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VERWACHTING, kapt. J.H. Schippers, van Riga.
De 19e, des namiddags arriveerde in de Maas LELIX, kapt. W.J. Kramer, van Bordeaux.
De 21e, des morgens zeilden van Helvoetsluis LE JEUNE CAROLINE, kapt. A.B. Drent, naar Lijnn (opm: King’s Lynn) en HARMONIE, kapt. J. Stroobuur, naar Marennes.
De 20e, des namiddags arriveerden te Brielle ROTTERDAM, kapt. J. Laming, van Londen; de 21e, des morgens, zeilden DE VROUW MARGARETHA, kapt. E.H. Pot, naar Hamburg; HERSTELLING, kapt. Z. Jansen, KINDERLIJKE LIEFDE, kapt. W.H. Ketelaar en AUGUSTA REBECCA, kapt. N. Ehmke, naar …..; HARMONIE, kapt. P. Permien en SOPHIA CHARLOTTA, kapt. J.F. Pertiet naar de Oostzee; DE GOEDE EENDRAGT, kapt. J.J. Kroger, naar Elseneur; DE VROUW ANNA, kapt. H.K. Wijkmeijer, naar Nantes en DE HOOP, kapt. W. van der Horden, naar Bergen.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild LA CONSTANCE, kapt. P. de Boer, naar Liverpool; DE VICTORIE, kapt. G. Kuper en DE JONGE RENTE, kapt. W. Huisman, naar Exeter; CLAMOR GEORG, kapt. A. Middendorf, naar Riga en JULIANA, kapt. O. Kievijt, naar Brazile.
Te Antwerpen zijn gearriveerd AREND, kapt. Elbring, van Londen en VROUW JELTINA, kapt. Vrede, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 september. DE ONDERNEMING, kapt. Klep (opm: brik, kapt. F.G. Klip, thuishaven Antwerpen), van Antwerpen naar Nassau is in het begin van augustus bij de Hole in the Wall (opm: Great Abaco Island, Bahamas) vergaan.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 19 september het schip NEERLANDS KONING, kapt. K. Schinkel, den 10 juni met Zr.Ms. troepen vertrokken van Rotterdam; den 20 september het schip DELPHINA, kapt. C. Brandaris, met Zr.Ms. troepen, vertrokken van Vlissingen, en SUSANNA, kapt. P.C. de Roth, met een passagier en Zr.Ms. troepen, den 26 mei vertrokken van Amsterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Hamburg, 13 april. Men vindt in onze dagbladen een allergunstigst verslag omtrent de Nederlandse stoompaket WILLEM I, welke dezer dagen in de regelmatige vaart is gekomen van Amsterdam naar deze stad en terug, zo ten aanzien van de bouw en de kracht van de werktuigen, als ten opzichte van de voortreffelijke inrichting van het vaartuig.


25 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Suriname het nieuw gebouwd en met zink gedubbeld brikschip AGENORIA, kapt. Willem van der Kolff.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam. 24 september. De 21e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DOLPHIJN, kapt. M.D. Meijer, van Baltimore (zijnde na de visitatie van de quarantaine ontslagen) en de 22e, des namiddags, DE VROUW PETRONELLA, kapt. H.K. de Groot, van Marennes.
De 23e, des morgens, arriveerde JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, van Marennes.
Volgens rapport der loodsen is het schip COLUMBUS, kapt. J. de Gorter, van Suriname, voor de wal, een loods aan boord hebbende.
De 22e, des namiddags arriveerde te Brielle DE LEMMER, kapt. J. Tammis, van Archangel; LOUISA, kapt. D. Guijt, van Jersey; MORITZ, kapt. J. Schildwach, naar de Oostzee en SOPHIA CATHARINA, kapt. Hansen naar Noorwegen.
De 23e, des namiddags arriveerden te Hellevoetsluis DE COLUMBUS, kapt. J. de Gorter, van Curaçao en MARIA AGNITA, kapt. P. Rijnbende, van Suriname.
Van Brielle wordt de 24e gemeld dat de 23e, des morgens zijn vertrokken DE TWEE GEBROEDERS, kapt. R. de Vries, naar Yarmouth; CATHARINA WILHELMINA, kapt. Walles naar de Oostzee.
Te Antwerpen is gearriveerd JONGE LODEWIJK, kapt. Wagenaar, van Dantzig en TWEE GEBROEDERS, kapt. Pronck, van Bremen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 september. Het schip DE HOOP, kapt. F. Wolters, met rogge van Altom (opm: mogelijk Altona) naar Amsterdam, is, volgens brief van Delfzijl van de 17e dezer, de 15e dito aldaar binnengekomen en heeft, na dezelfde dag de reis binnendoor voortgezet te hebben, bij Appingedam, uit hoofde het roer aan de grond geraakte, tegen een brug gestoten, daardoor een groot gat in de boeg bekomen en vervolgens zeer veel water ingekregen. Na reeds een gedeelte der lading in een lichter overgeschoten te hebben, was men begonnen met de lading, waarvan 6 à 8 lasten beschadigd zijn bevonden, te Appingedam te lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 september. Het schip DE JONGE HENDRIK, kapt. J.J. Stijntjes, van Marseille naar Antwerpen, volgens de laatst voorgaande, door een Engelse schooner aangezeild geworden is, volgens brief van de 1e dezer, voor Belam (opm: mogelijk Belem bij Lissabon) aangekomen, om zich van een ander anker te voorzien.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 24 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VROUW PETRONELLA, kapt. H.K. de Grooth, en JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, beiden van Marennes met zout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 19 september. Zr.Ms. oorlogschip WATERLOO, kapt. A. van Dalen, met troepen, uit Texel, laatst van Sheerness, naar Batavia, is de 4e juli op 18º54’ Z. breedte en 31º46’ lengte W. van Greenwich, gepraaid door kapt. J.B. Frerichs, van Rio de Janeiro te Amsterdam gearriveerd. (opm: oud nieuws; schip is ten tijde van dit bericht al lang in de Oost; zie BC 110927).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wijma, te Harlingen, zal aldaar, in de herberg de Ooijevaar, op woensdagen den 3 en 10 oktober 1827, telkens des avond ten 7 ure precies, bij de beschrijving en finale toewijzing, veilen het geoctrooieerde Trek Veerschip, varende in de beurt van Harlingen op Dokkum en vice versa, waarvan de ene helft toebehoort aan Teunis Klaazes Dijkstra, en de wederhelft aan Jan Willems Bonnema; terstond vrij te aanvaarden.


27 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 september. De 24e, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis MINERVA, kapt. J.P. Segebarth, naar Archangel.
De 25e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE GEERTRUIDA, kapt. R.R. Tunteler, van Marennes; de 26e, des morgens, zeilden DE JONGE MARIA, kapt. G.J. Meeuw, naar Smyrna; ROTTESTROOM, kapt. J. Glazener, naar Havana; DE GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels, naar Bordeaux; DE VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuiper en DE VROUW MACINA, kapt. J.P. Boer, naar Marennes en arriveerden DE WELVAART, kapt. M.J. Harkema en DE ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, van Marennes.
De 25e, des namiddags, arriveerde te Den Briel DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Starling, van Blackney; de 26e, des morgens, zeilden CLASINA EN DIRKJE, kapt. C. Schilperoord, naar St. Ubes; ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Wijgers, naar Marennes; ANNA PAULOWNA, kapt. H. Pothoff, naar Brest; JOHANNA MARGARETHA, kapt. R.H. Pott en DE HOOP, kapt. H.H. Pott, naar …………; ELISABETH EN CORNELIA, kapt. J. Parlevliet, naar Newhaven en DE JONGE GERRIT, kapt. F. de Best, naar Portsmouth.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE HARMONIE, kapt. C. de Reus, naar Bergen; MARIA LUCIA, kapt. L.B. Kuper, naar Petersburg; BARBARA, kapt. H. Abrams en DE VROUW LUBBEGINA, kapt. K.H. de Weerd, naar……; DE VROUW GERBERDINA, kapt. L.P. Drent, naar Arbroath.
Te Antwerpen zijn gearriveerd GIPSEIJ, kapt. Boog, van St. Domingo; JOSEPH, kapt. Arends, van Petersburg; VROUW HENDRINA, kapt. van den Hoever, van Londen en HAITZEMA VIËTOR, kapt. Van Wijck, van Tremblade.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 september. Zr.Ms. fregat KENAU HASSELAAR, lag 25e dezer in Malta.


  RC - Rotterdamsche Courant

Kapitein J.N. Kluit, van Suriname, te Texel binnen, heeft den 20 dezer tussen Wight en Bezevier gezien het schip NICOLAAS JOHANNES, kapitein K.IJ. Parma van Riga naar Brest.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen, 22 september. Heden is Zr.Ms. korvet NEHALENNIA, van 28 stukken, op ’s Rijks werf alhier in de beste orde van stapel te water gelopen.


28 september 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een half geoctrooieerd Veerschip, varende van Smalie (opm: Small en Ee) en Beetsterzwaag op Leeuwarden vice versa, te bevragen bij E.D. van der Meulen, schipper.


29 september 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Van Amsterdam naar Batavia zal omtrent de 25e oktober aanstaande worden geëxpedieerd het nieuw gekoperd snelzeilend fregatschip DE VROUW CATHARINA ELISABETH, gevoerd door kapt. Dirk Boes Lutjens. Passagiers voor Java worden uitgenodigd van deze gelegenheid gebruik te maken, als zijnde dit schip daartoe bijzonder ruim en tot gemak ingericht; zullende met hetzelve geen militairen vertrekken. Iemand hiertoe genegen zijnde of wensende goederen met hetzelve te verschepen, gelieve zich te adresseren aan de cargadoors Coopman en De Wit en Lenartz, Hoijman en Schuurman, van Olivier en comp., of De Vries en comp., te Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 september. Bij besluit van de 10e dezer heeft Zijne Majesteit goedgevonden de premies, welke, bij besluiten van de 5e oktober 1823, n.º 146 en 29 juli 1825, n.º 162, tot de 31e december laatstleden, voor het aanbouwen van zeil- en stoom-zee-schepen zijn toegestaan geweest, op nieuw uit te loven voor de tijd van drie jaren, welke met de laatste december 1829 zullen eindigen en zulks op de voet en onder voorwaarden, bij voornoemde besluiten omschreven, met dien verstande echter, dat, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 292 der wet van de 26e augustus 1822 (Staatsblad n.º 38), iedere ten scheepsruimte zal worden berekend gelijk te staan met anderhalf maal de teerling van de Nederlandsche el; dat de verplichting, om de aan te bouwen schepen, gedurende zes jaren, ten dienste der Nederlandsche vaart te moeten bestemmen, voor de schepen, naar aanleiding van het tegenwoordige besluit gebouwd, zal komen te vervallen en diensvolgens de borgstelling bij art. 4 van het besluit van de 29e juli 1825, n.º 162, voorgeschreven; dat de premies voor stoomschepen zullen worden uitbetaald tot een bedrag van vier en twintig, twintig en zestien guldens per ton, naar gelang van grote en dubbeling; dat de schepen, zes honderd tonnen of daarboven groot, binnen een jaar en die van kleiner charter, binnen zes maanden, na het eindigen van de termijn, waarover bij het tegenwoordige besluit premies worden uitgeloofd, afgebouwd en van stapel gelopen moeten zijn en dat eindelijk van de schepen, welke sedert de eerste januari dezes jaars op stapel mochten zijn gezet en waarover men het genot der premie mocht verlangen, binnen een maand, na de dagtekening dezes, aangifte zal moeten zijn gedaan bij de administratie voor de nationale nijverheid.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 september. Volgens brief van Malta, in dato de 3e dezer, was het schip DE SNELHEID, kapt. Albert van der Linden, van Rotterdam naar Smyrna bestemd en de 30e juli ll. uit Helvoetsluis in zee gezeild, op de 29e augustus ll. te Malta voornoemd gearriveerd en zou de 10e dezer de reis vervolgen, onder geleide van Zr.Ms. brik DE BRAK, kapt.-luitenant Koops.
De 27e, des morgens, zeilden van Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog VALK, luitenant van Es; MARY, kapt. H.B. Voss, naar Batavia.
De 27e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE VRIENDSCHAP, kapt. C. Bradhering, van Libau.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JAN JOSEPH, kapt. J.J. Hemel, naar Arbroath en DE BRABANDER, kapt. R.R. de Haan, naar Exeter.
Te Antwerpen is gearriveerd AURORA, kapt. Suremeijer, van Petersburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, zijn van mening op dinsdag de 23e oktober 1827, ten 4 ure namiddag, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt te Rotterdam, te veilen: het hecht, sterk en snelzeilend pinkschip DE MAASSTROOM, laatst gevoerd door de bevelhebber D.J. Cupido, volgens meetbrief lang 28,80 el, wijd 6,47 el, hol 3,55 el en alzo groot 155 lasten of 294 tonnen; liggende in de Zalmhaven, achter de scheepstimmerwerf van de heren de Jong en Kortland, genaamd De Naarstigheid. Het voorschreven schip is geschikt voor alle vaarwaters, doch laatstelijk uitgerust geweest ter walvisvangst. (opm: nieuwe naam ANNA MARIA, kapt. W. Poort)


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 28 september. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de GEERTRUIDA, kapt. R.R. Tunteler, en de WELVAART, kapt. M.J. Harkema, beiden van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De kapitein ter zee, commandant en directeur van Zr.Ms. zeemacht in Oost-Indië, maakt hiermede bekend, dat ingevolge daartoe ontvangen autorisatie, bij besluit van Zijne Excellentie de Commissaris-Generaal in dato 8 november 1826 No. 4, op woensdag den 17 oktober aanstaande, aan 's Lands Werf te Soerabaija, ten overstaan van de haven- en equipagemeester aldaar; publiek aan de meestbiedende zal worden verkocht Zr.Ms. koloniale schoener JOHANNA, zoals dezelve is liggende ter rede van Soerabaija, en waaromtrent nadere berichten ten kantore van de haven- en equipagemeester voornoemd kunnen worden ingewonnen.
Batavia, 27 september 1827, de commandant en directeur voornoemd, A.W. de Man.


02 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading:
Naar Rio-de-Janeiro, mede voor passagiers, het nieuw gekoperd brikschip DE NEDERLANDER, kapt. E. Mazens om uiterlijk op de 15e dezer te vertrekken.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 oktober. De 28e passato, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Voss, van Londen; de 29e, des morgens zeilden DE TWEE GEBROEDERS, kapt. G.M. Janssen, naar Suriname; DE CHREESE, kapt. J. Poodt, naar Marseille.
De 29e, des morgens zeilde van Brielle DE VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. de Braam, naar Londen; en des namiddags zeilden ALEXANDRINA, kapt. N. Permien en MERKURIUS, kapt. G.C. Siewert, naar de Oostzee.
De 1e dezer, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis DE NIEUWE ONDERNEMING, kapt. K.L. Dominé, van Riga.
De 30e passato, des namiddags, zeilden uit de Maas JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga en ENGELINA, kapt. Bok, naar Marennes; de 1e dezer, des morgens, arriveerden DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G.E. Jonker, van Emden en SOPHIA MARIA, kapt. N.J. Thakker, van Kiobinghaven.
Te Antwerpen is gearriveerd VROUW CATHARINA, kapt. Papkens, van Bremen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 september. Het schip ALIDA, kapt. G. van Laar jr., met zaad, van Nijekióbing naar Rotterdam is, volgens brief van Delfzijl van de 21e september te Hamburg ontvangen, de vorige avond aldaar voor de haven op het slijk in zinkenden staat aangekomen en zou moeten lossen om te repareren; de kapitein vreesde dat de lading, waarvan een gedeelte weggepompt was, beschadigd zou zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 september. Het schip BRISEÏS, kapt. P. Bakker, van Amsterdam naar Smyrna is, volgens brief van Malta van de 3e september, de 29e augustus aldaar aangekomen en zou onder konvooi van Zr.Ms. oorlogsbrik DE BRAK de reis voortzetten.
Het schip HENRIETTE EN BETSEIJ, kapt. G.G. Bos, van Amsterdam naar Curaҫao, is de 21e september te Cowes binnengelopen.
Kapt. A. van den Abeele heeft gezien de 24e dito, een fregatschip met nommervlag 91 van het college Zeemans Hoop, hebbende de wind toen Z.Z.W. met stijve koelte.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 1 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de JASPERDINA (opm: tjalk), kapt. W.H. Kleindijk van Stralsund met raapzaad, en de VROUW GEERDINA, kapt. L.E. Gust van Lübeck met teer.


  DC - Dordtsche Courant

De korvet van oorlog de ATALANTE, welke uit Texel vertrokken was, is te Batavia aangekomen, waar mede ten anker gekomen is kapitein Schaap van Rotterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De ondergetekende, wiens brik MARGARETHA ENGELTINA in de nacht tussen de 24 en 25 augustus jl. tengevolge van een hevige rukwind op de hoogte van Japara was omgeslagen, heeft het behoud van gemeld brikschip, waaraan reeds kon gewanhoopt worden, alleen te danken aan de menslievende, belangloze en onvermoeide pogingen van de heer Thomas Perry, Engels gezagvoerder op de TARTAR, welke in de volstrekte zin niets ontzien heeft om de omgeslagen brik te redden, en eindelijk edelmoedig en belangloos genoeg is geweest om gene de minste beloning, waarop hij volgens de zeewetten zelfs aanspraak had, te willen aannemen. De ondergetekende, gans overtuigd van de grote verplichting, welke hij aan de heer Perry voor zijn aan hem verleende menslievende en belangloze hulp heeft, betuigt hem langs deze weg zijn openlijke, hartelijke dank voor de redding van zijn reeds verloren geacht schip, en het spijt hem als Nederlander, dat hij die zelfde voldoening niet kan smaken omtrent de gezagvoerder Vos, welke, ofschoon de volledigste macht van zijn patroon, de heer Muhlenfeldt, hebbende, om alles, zelfs ten koste van zijn schip, tot redding van de MARGARETHA ENGELTINA bij te dragen, geaarzeld heeft, enige de minste hulp te verlenen. De genoeg bekende hulpvaardige heer Muhlenfeldt verzekert de ondergetekende ook daarvoor zijn oprechte dankbaarheid en verzoekt mede de heer havenmeester Blommesteijn voor zijn in alle opzichten verleende assistentie zijn dankverzekering aan te willen nemen.
A. de Bruijn.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd:
Den 27 september de brik JOSEPH, kapt. Sech Robaija, van Cheribon den 23 september; den 28 september de brik NEERLANDS KROONPRINSES, kapt. H.M. Heijns, met een passagiers, den 9 juni van Rotterdam; den 29 september het schip MASTORA, kapt. J.L. Pfluger, den 28 september van Indramaijoe, de brik CLEMENTINE, kapt. Abdul Rachman, met een passagier, den 21 september van Samarang, de schoener KASSOOR, kapt. Timbang den 24 september van Pekalongang; den 30 september de schoener ANNA GEERTRUIDA, kapt. M. Monteiro, met vier passagiers den 25 augustus van Riouw.
Van Batavia zijn vertrokken:
Den 30 september het schip CAROLINA EN JACOBA, kapt. W. Aitking, naar Pakkies, het schip DELPHINA, kapt. C. Brandaris, met een passagier naar Soerabaija, de brik DE HOOP, kapt. S. Sinclair, met de prins van Ternate en zijn gevolg en een civiele passagier naar Soerabaija, en de brik JOSEPH, kapt. Sech Robaija, naar Riouw.
Te Batavia ter rede liggende schepen:
Zr.Ms. fregat MELAMPUS en de Nederlandse koopvaardijschepen ADMIRAAL BUYSKES, NEERLANDS KONING, SUSANNA, LAJU, OEIJ SINJO, AURORA, MASTORA, de brikken FOENGSIE, PEINHOEIJ, GOANLIE, HAP GIETJOK, TJOEMPO, PASSEKAN, LE. DE KOCK, INDRAMAIJOE, NEERLANDS KROONPRINSES, CLEMENTINE, en de schoeners HAPHIN, TARTAR, DRIES, KASSOOR, en ANNA GEERTRUIDA, benevens vijf buitenlandse schepen.
Van Samarang is vertrokken den 25 september het schip MERCURY, kapt. C. Brodie, met een passagier naar Riouw.
Te Soerabaija is gearriveerd den 22 september het schip MINERVA, kapt. T. Harmes, met passagiers van Batavia.
Te Soerabaija ter rede liggende schepen:
Zr.Ms. fregat DAGERAAD, Zr.Ms. brikken HAAIJ, en DOURGA, Zr.Ms. schoeners WINDHOND, BRAK en JOHANNA, Zr.Ms. transportboot No.4 en de koopvaardijschepen CONCORDIA, MINERVA, de brikken EXPERIMENT en DOROTHEA, de schoener COLONIAL TRADER en de kotter DOLPHIJN.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een bijkans nieuw geoctrooieerd Beurt Schip, varende van het Heerenveen op Leeuwarden vice versa. De informaties zijn te vernemen bij den eigenaar Franke Reitses Roefstra of bij den notaris P.J. Metz, te Heerenveen.


04 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Suriname, het Nederlands brikschip MARIA AGNITA, kapt. Paulus Rijnbende, om de 31e oktober aanstaande te vertrekken.
Naar Corunha, het Nederlands kofschip TROMP, kapt. R.T. Nollis.
Naar La Rochelle, het Nederlands kofschip HOOP OP WELVAART, kapt. Klaas Harms Zuininga, om de 25e oktober aanstaande te vertrekken.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 oktober. De 2e, des morgens, zeilden uit de Maas DE DRIE GEBROEDERS, kapt. L.M. Larsen; MARGARETHA (opm: MAGRETHA HINDRIKA), kapt. G.J. Munneke, naar ……; FRANS EN ALETTA, kapt. M. van der Struijs, naar Gibraltar en arriveerde DE DRIE GEBROEDERS, kapt. H.H. Braams, van Rostock.
De 2e, des namiddags arriveerde te Brielle CHARLOTTA, kapt. G.S. Scheffer, van Libau.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JONGE SOPHIE, kapt. J.F. Muijs, naar Londen; JEANETTE, kapt. A.J. Meulenaere, naar Carthagena; LIBRA, kapt. G.R. Engelsman, naar Bristol; JOHANNA WILHELMINA, kapt. R.U. Durr, naar Falmouth; ZEPHIJR, kapt. J.M.F. Flemming, naar Buenos-Aijres; DE HERO (opm: fregat HÉROS), kapt. J. Sietzes, naar Batavia; ACASTA, kapt., S. Hiller, naar Boston; CONCORDIA, kapt. C. Ouwehand, naar Bordeaux; JUPITER, kapt. J.H. Mandele, naar Charlestown en DE JONGE JAN SCHOON, kapt. M.J. Schoon, naar Hamburg.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW CATHARINA, kapt. R.R. Engelsman, van Hemden en EENDRAGT, kapt. Schoenmaker, van Bremen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 oktober. In het Vlie is binnengekomen de stoomboot WILLEM DE EERSTE, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 oktober. Bij het opzeilen van de rede van Texel is de 27e september op de Amerikaan aan de grond geraakt het schip DE VROUW ANTJE, schipper E. Leurs, van Norden; doch de volgende dag, na het lossen van een gedeelte zijner lading en met behulp eener schuit, weer in vlot water gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 oktober. Kapt. J. Sipkes Fz., voerende het schip CORNELIA HENRICA, met troepen van Amsterdam naar Batavia, meldt van Cowes van de 27e september, dat hij de 25e dito, des namiddags ten twee ure, aldaar wegens aanhoudenden tegenwind en daaruit ontstaande teruggang en vele slijtagie aan het tuig en de zeilen, is binnengelopen; aan boord was alles wel en hij dacht met de eerste gunstige gelegenheid de reis voort te zetten.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 3 oktober. Aan deze stad is gearriveerd het schip SOPHIA MARIA, kapt. N.J. Thakker, van Kopenhagen met teer.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd: den 1 oktober het schip DE MAAS, kapt. J.C. Five, den 9 juni vertrokken van Rotterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Den 23 oktober 1827 zal alhier, voor rekening van de boedel van wijlen Said Abdul Rachman bin Aloey Tsegaff, publiek worden verkocht het schip genaamd ALABAB ALKARIM, groot 116 lasten, met dies inventaris. Nadere informatie te bekomen bij Sech Abdulla bin Abdul Galik bin Wabar, en Intje Achmat Medin.
Samarang, 26 september 1827.


05 oktober 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Bij gunstige gelegenheid zal morgen de 5e dezer ten half twee ure, op de werf De Oranje-Boom in de Groene Bikkerstraat, van stapel lopen het koopvaardij fregatschip SOPHIA MARIA, waarvan bouwmeesters zijn A. de Graaf en Zonen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De strandvonder van Ameland, als daartoe geautoriseerd, presenteert bij publieke veiling en gerede gelden, op zaterdag de 6e oktober 1827, aan de meestbiedende te verkopen:
- Het geborgen der tuigage, bestaande in ankers, touwen, zeilen, rondhout, koksgereedschappen, enz., van het alhier op den 11 augustus ll., verongelukte tjalkschip de VROUW MARGARETHA, schipper J.J. Stomp; benevens een zwaar ankertouw, weinig gebruikt, p.m. 125 vadem; nadere informatie hiervan te bekomen den heer B. Rodenhuis, te Harlingen, en bij den Strandvonder te Ameland.
- Het geborgen der tuigage, van het op 22 augustus jl., verongelukte snikschip de VROUW MARGARETHA, schipper Johan Dühr.
Wie gading maken, komt op voorgeschreven tijd, des morgens ten 9 uren, in den dorp Nes op Ameland, bij het Pakhuis, aldaar.


06 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 oktober. De 3e, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog KEMPHAAN, kapt.-luit. Monnije.
De 4e, des morgens, arriveerden ASTREA, kapt. M. Breidenath, van Riga en FREDERICA, kapt. Boijer, van Faborg. De 3e, des namiddags, arriveerden AMALIA, kapt. J. Serk, van Bergen. De 4e, des morgens, zeilden NOORDSTAR, kapt. J.G. Boekhout, naar Cork; FREDERICA, kapt. J.J. Bunning, naar Libau; ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, naar ….; GEZINA, kapt. H.H. van Veen en AMALIA, kapt. H.J. Beness, naar Londonderry; ELISABETH, kapt. P. Roland, naar Bergen; CLARA MARGARETHA, kapt. E.P. Dik, naar de Marennes; BROEDERLIEFDE, kapt. A.A. van der Wall, naar Yarmouth en arriveerde DE VROUW CATHARINA, kapt. J.J. Mijs, van Lübeck.
De 4e, des middags, arriveerden te Brielle NEERLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden, van Bergen en DE JUFVROUW JEANETTE, kapt. B.J. Groothuis, van Drammen.
De 5e, des morgens, zeilden LOUISA, kapt. D. Guijt, naar Jersey; MARGARETHE, kapt. J. Verdoes, naar Bordeaux en DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Starling, naar Blackney.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JONGE NIKOLAAS, kapt. H. Peters, naar Liverpool.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW ALBERDINA, kapt. Rentes, van Havre en MEELZAK, kapt. Witteveen, van Christiaansand.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Het Nederlands kofschip NEPTUNUS, kapt. M.D. Jeltes, van Amsterdam te Marseille gearriveerd, is door een Algerijnse kaper gevisiteerd en van 30 à 40 kazen en een kruik jenever beroofd geworden.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Bij gunstige gelegenheid zal morgen, den 5 dezer, ten half twee ure, op de werf de Oranje-Boom, in de Groote Bikkerstraat, van stapel lopen het koopvaardij fregat schip SOPHIA MARIA, waarvan bouwmeesters zijn A. de Graaf & Zonen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 5 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de DRIE GEBROEDERS, kapt. H.H. Brahms van Rostock met raapzaad, en de VROUW CATHARINA, kapt. J.J. Mijs van Lübeck met teer.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Cornelis van der Werf, Bzn., openbaar Notaris, residerende te Dordrecht, is voornemens, op dinsdag 9 oktober 1827, des namiddags ten twee ure, voor of nabij gemeld vaartuig, te veilen, en op vrijdag den 12 daaraanvolgende, des avonds ten acht ure, bij Arie Buitenweg, in het Nieuw Koffijhuis, op de Voorstraat, bij de Beurs, binnen Dordrecht, finaal te verkopen: een hecht, sterk en welbezeild tjalkschip, genaamd NOOITGEDACHT, groot vijf en zeventig tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, zeilen, ankers, kabels en verdere toebehoren, volgens bijzijnde inventaris, liggende in de Nieuwehaven, bij de Langhoutenburg, binnen deze stad, en laatst bevaren door schipper Jan Ponsen.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia zijn gearriveerd: den 3 oktober Zr.Ms. brik HAAI, 1e luit. E.D.A.A. van Jordaan, van het eiland Onrust, het schip AUGUSTIN, kapt. J.F. Bunnemeijer, den 20 mei vertrokken van Antwerpen, het schip MARIA (opm: fregat MARIE), kapt. J. Ruurds, den 12 juni vertrokken van Londen, en het schip HARMONIE, kapt. H.T. Versluijs, den 9 juni vertrokken.


08 oktober 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. De verkoping van het hoeker-schip, genaamd THALIA, ter publiek veiling aangeslagen, op de 22e oktober aanstaande, zal geen voortgang hebben, als zijnde hetzelve uit de hand verkocht.


09 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 oktober. Zr.Ms. oorlogschip DE ZEEUW, gevoerd door de kapt. ter zee Lucas, is de 2e dezer van Batavia op de hoogte van Plymouth gearriveerd, zijnde de 8e juli van Batavia vertrokken.
De 5e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE DRIE GEZUSTERS, kapt. A.R. Schrader, van Kopenhagen en zeilde GUIANA, kapt. F. Popken, naar Suriname. De 7e, des morgens, zeilde JACOBA, kapt. H.K. de Groot, naar King’s Lynn.
De 5e, des namiddags, zeilden uit de Maas de VROUW ANNA, kapt. H.C. Uil, naar Stockton; JOHAN HENRICH, kapt. H.A. Gerdes, naar Sunderland en arriveerde HENDRIKA, kapt. O.G. Sap, van Rudkøbing. De 6e, des morgens, arriveerde FLORA, kapt. C. Klok, van Londen en zeilden DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, naar Lissabon. De 6e, des namiddags, zeilden ANNA CLASINA, kapt. E.A. Bok, naar Rochefort en arriveerden MARIA CLASINA, kapt. S. Hooghans, DE JONGE ARIJ, kapt. W. Schep en DE VIJF GEBROEDERS, kapt. L.R. Roelfsema, van Bergen.
De 7e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE VIER GEBROEDERS, kapt. A.H. Drewes, van Koningsbergen; HARMONIE, kapt. A.J. Herbes, van Bergen en DE VROUW GEZINA, kapt. F. Joosten, van Dantzig; de 8e, des morgens, zeilden CONCORDIA, kapt. G.B. Ebeling, naar …..; DE JONGE ALIJDA, kapt. A.G. van Berkel, naar Bilbao en DE JONGE CORNELIS, kapt. G. Goudappel, naar Hamburg.
De 5e zeilde van Middelburg naar zee het brikschip SARA AGATHA, kapt. L.M. Hoffman, naar Suriname.
Te Antwerpen zijn gearriveerd KROONPRINSES, kapt. Carl, van Livorno; CATHARINA ELISABETH, kapt. Wachter en GOUVERNEUR VAN IMHOFF, kapt. G.H. Peperboom, van Riga; HENDERIK, kapt. Wolters, van Hull en ESPERANCE, kapt. Van Gijdt, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. De schepen CORNELIE HENRICA, kapt. J. Sipkes Fijkeszn., van Amsterdam naar Batavia; HENRIETTE EN BETSIJ, kapt. G.B. Bos, van Amsterdam naar Curaçao en Suriname; DE SNELHEID, kapt. E. Clause, van Amsterdam naar Port-au-Prince, allen te Cowes binnen, hebben derzelver reis vervolgd, de eerste dezer.
Het schip CONSTANCE, kapt. P. de Boer, van Antwerpen naar Liverpool, te Dartmouth binnen, heeft de 27e september de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 oktober. Volgens bericht van Tönsberg is omstreeks de 20e september op de Noordse kust verongelukt een Nederlands smakschip (opm: zie RC 181027, smak VROUW BEERTA, kapt. H.R. Engelsman), zo men veronderstelt van Laurvig naar Delfzijl; van de equipage had men niets vernomen, zijnde hetzelve door loodsen met een ingestoten boeg drijvende gevonden, die echter door slecht weder verhinderd werden hetzelve in een haven binnen te brengen.


  DC - Dordtsche Courant

Middelharnis, 4 oktober. Heden is de op de werf van de scheepmaker Ary van der Staal gebouwde vissloep de CATHARINA ELISABETH met het best gevolg van stapel gelopen, in tegenwoordigheid van een zeer grote zamengevloeide schare en onder de hartelijkste toejuiching; en daar de visserij met sloepen voor de reders goede winsten oplevert, leeft men in de hoop dat de aanbouw niet zal vertragen.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 5 oktober. Het fregatschip SOPHIA MARIA, gebouwd door de scheepsbouwmeesters A. de Graaf en Zonen, voor rekening der heren de wed. Lamb. Thijm en Zoon, waarvan gisteren gesproken is, is heden met het beste gevolg van stapel gelopen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 8 oktober. Verleden vrijdag avond, omstreeks 5 ure, is van de werf van de scheepsbouwmeester Cornelis Gips allervoorspoedigst van stapel gelopen het kofschip de ZWAAN, gebouwd voor rekening der rederij, waarvan boekhouder is de heer A.N. Bouvy, alhier.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad, zijn gearriveerd de schepen de VIJF GEBROEDERS, kapt. L.R. Roelfsema, en MARIA CLAZINA, kapt. S. Hooghout, beiden van Bergen, met stokvis en traan; TRE SÖSTRE, kapt. A.P. Schrader, van Kopenhagen met teer en pek; ABOETEN, kapt. J. Björnson van Stockholm met teer; HENDRIKA, kapt. C.G. Sap van Rudkøbing; die GUTE HOFFNUNG, kapt. D.J. Geicken van Rostock; de VROUW ALIDA, kapt. H.R. Roelfsema; de VIER GEBROEDERS, kapt. H.J. Waterborg, en de TWEE GEBROEDERS, kapt. H.H. de Boer, alle drie van Kiel, en alle vijf met raapzaad.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Men is van mening, ten overstaan van een bevoegd beambte, op zaterdag den 20 oktober 1827, des avond ten vijf ure, in het Koffijhuis te West Terschelling op het eiland Terschelling, in het openbaar te doen veilen en finaal te verkopen de extra snelbezeilde, goed geconditioneerde en van voldoende inventaris voorziene visaak, genaamd REDERS WELVAREN, in den jare 1819 nieuw uitgehaald, bestemd tot loodsschuit op voormeld eiland en onder no. 9, als zodanig aldaar tot heden bevaren door schipper Gerrit Douwesz Sterël. Nadere informatie of bezichtiging begerende, kunnen men zich vervoegen bij den heer Cornelis Ruijgh, boekhouder en mede-reder van gemeld vaartuig te West Terschelling voornoemd.


10 oktober 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

’s Gravenhage, 8 oktober. Bij het Ministerie van Marine en Koloniën is bericht ontvangen dat Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, onder het bevel van de kapt. ter zee E. Lucas, op de eerste dezer, behouden in het Kanaal aangekomen.
Dat schip, hetwelk in de maand januari jl. uit Vlissingen naar Oost-Indië was vertrokken, ter
overbrenging van een gedeelte der expeditionaire afdeling, heeft op de 8e juli jl. Batavia
verlaten en is de 7e augustus de Kaap de Goede Hoop en de 25e dezer maand de Linie gepasseerd. Op de 3e en 22e september jl. heeft de kapt. ter zee Lucas Zr.Ms. fregat AMSTEL gepraaid, eerst op de hoogte der Kaap-Verdische eilanden en vervolgens op 42 graden 20 minuten noorderbreedte en 33 graden en 5 minuten lengte.
Dat fregat was op de 8e augustus van Rio de Janeiro gezeild.
Eindelijk had de kapt. ter zee Lucas vernomen dat Zr.Ms. korvet POLLUX, in april van Batavia herwaarts vertrokken, te Mauritius was binnen gevallen, met schade.


11 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar La Rochelle, het Nederlands kofschip DE VRIENDSCHAP, kapt. Theodores Gerardus van Rhijn, om de 25e oktober aanstaande te vertrekken.
Naar Bordeaux, het Nederlands kofschip HET VERTROUWEN, kapt. Boele Jans Bakker.
Naar Liverpool, het Nederlands hoekerschip FLORA, kapt. D. Rooderkerk, om spoedig te vertrekken.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 oktober. Men meldt de 9e van Helvoetsluis, dat de brik, welke in het gezicht was, genaamd is WILLEM, kapt. M. Schaap, van Batavia. De 9e, des morgens, arriveerden RESOLUTION, kapt. G.E. Boer, van Bergen; ALIJDA FRANKINA, kapt. J.H. Mulder en HARMONIE, kapt. H.K. Potjewijd, van Drontheim. Volgens rapport is met de loods aan boord voor de wal het schip DE MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, van Suriname.
De 8e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE GEZINA JOHANNA, kapt. J.R. Sap en DE GOEDE HOOP, kapt. J.E. Kwakenburg van Petersburg; de 9e, des morgens, DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon, van Lissabon en zeilde HERMAN, kapt. J. Moller, naar de Oostzee; de 10e, des morgens FLORA, kapt. D. Rooderkerk, van Liverpool en zeilde RESOLUTION, kapt. J.P. Munneke, naar Elseneur en DIANA, kapt. C.M. Hansen, naar de Oostzee.
De 9e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, van Suriname; CONCORDIA, kapt. H. Bos, van Batavia; ZEELUST, kapt. G.A. Wieringa, van Newport.
Het fregatschip MARIJ EN HILLEGONDA, gevoerd door kapt. H. Glazener, is de 6e mei laatstleden te Batavia gearriveerd.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild ANTWERPEN, kapt. H.G. Schut, naar Yarmouth; DE JONGE CORNELIS, kapt. H.T. van Slooten, naar Topsham.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VERWACHTING, kapt. Fijn, van Hemden (opm: niet traceerbaar); AURORA, kapt. Wijgers en VROUW ANTJE, kapt. Post, van Petersburg; MEDUSE, kapt. Buinemeijer, van Londen en ISIS, kapt. de Vries, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Kapt. E.J. Mos, voerende het Nederlands kofschip DE VROUW ALIDA, van Amsterdam te Port-à-Port (opm: Oporto) gearriveerd, meldt van daar, in dato 14 september, dat hij op de hoogte van Vianna do Minho (opm: Viana do Miño; psn 41 52 N 08 52) een Morokaanse schoener, te Tanger thuisbehorende, ontmoet heeft, die hem noodzaakte aan boord te komen, doch vervolgens onverhinderd de reis heeft laten voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Het schip FANNIJ, kapt. C.D.C. Mullen, van Anklam naar Amsterdam is, na op het rif van Bornholm (opm: mogelijk wordt het Borkumerrif in de Eemsmonding bedoeld) gestoten te hebben en daardoor zwaar lek geworden te zijn, door een loodsschuit, op goede mannen zeggen, de 4e oktober in het Vlie en vervolgens te Harlingen binnengebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 oktober. Het schip EUROPA, kapt. J.F. de Jonge, van Amsterdam naar Genua, is de 1e oktober Deal gepasseerd.
Het schip EMMA, kapt. S. Noijes, van Bremen naar New-York, is de 16e september gepraaid door kapt. Milton, van Rio-Grande te Cowes gearriveerd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 10 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen RESOLUTION, kapt. G.E. Boer van Bergen met stokvis; HARMONIE, kapt. H.K. Potjewijd van Drontheim met stokvis en traan, en CAHNAR, kapt. Olof Petterson van Stockholm met teer.


12 oktober 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop of te huur een derde gedeelte in het Bakkeveenster Veer en Schip, varende van Bakkeveen op Drachten en Leeuwarden vice versa. De condities zijn te vernemen bij de eigenaar R.R. de Jong, schipper te Haulerwijk.


13 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

’s-Gravenhage, 11 oktober. Hunne Majesteiten de Koning en Koningin, benevens HKH prinses Marianne zijn hedennacht ten vier ure alhier aangekomen. Hunne Majesteiten waren de vorige nacht om half twee van het kasteel Laken vertrokken, om zich aan boord te begeven van het stoomjacht DE LEEUW, hetwelk hoogstdezelven te Willebroek wachtte en omstreeks half vijf ure de reis aannam. Dit buitengemeen fraai stoomjacht, op ’s Rijkswerf te Rotterdam gebouwd onder toezicht van de heren constructeurs Glavimans en welks uitmuntende machinerie is vervaardigd in de fabriek van de heer Cocqueril te Seraing, heeft alleszins aan de verwachting beantwoord en doet aan onze vaderlandse industrie naar het oordeel van bevoegde beoordelaars, de meeste eer aan. In het voorbij varen van Antwerpen, des morgens omtrent half zeven ure, was een grote menigte op de havens verzameld, welke zeer minzaam door Zijne Majesteit gegroet werd. Toevallig op datzelfde ogenblik werd een gedeelte der troepen uit het kamp van Ravels met de nieuwe stoomboot, welke sedert enige dagen tussen Antwerpen en het Vlaamsche Hoofd dienst doet, overgezet, door welke aan Hunne Majesteiten militaire eerbewijzen werden bewezen. Van Antwerpen hebben Hunne Majesteiten een aanmerkelijke omweg genomen en zijn naar de rede van Vlissingen gestevend, alwaar hoogstdezelven aantroffen Zr.Ms. linieschip DE ZEEUW, kapt. Lucas en het fregat DEN AMSTEL, kapt. Bakker, beiden van vorige dag aldaar voor anker gekomen, het eerste van deszelfs tocht naar Oost-Indië, het laatste van een kruistocht naar de kusten van Afrika en Amerika. Gedurende omheenstoming om deze schepen werd ter ere van Hunne Majesteiten van beide deze boorden geparadeerd en gesalueerd. Van Vlissingen vervolgde het stoomjacht langs de Zeeuwse eilanden de reis, niettegenstaande de donkerheid van de ingevallen avond en een opgekomen omweder, waardoor het ongeveer twee uren voor anker moest blijven liggen en kwam ’s nachts omstreeks half twee ure op de werf te Rotterdam aan, van waar Hunne Majesteiten te land deze residentie hebben bereikt.
Gisteren voormiddag is de kapt. ter zee E. Lucas in persoon alhier de tijding komen brengen, dat hij met zonsondergang van de 8e, met Zr.Ms. schip van linie DE ZEEUW, binnengaats is ten anker gekomen; dat hij op de morgen van de volgende dag, des ochtends ten acht ure, het anker heeft gelicht en ten 9 ure hetzelve wederom voor Vlissingen heeft laten vallen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 oktober. De 10e, des namiddags, zeilden van Brielle DE ONDERNEMING,
Kapt. M. Rooderkerk en HARMONIE, kapt. J. Muller, naar Marennes; DE VROUW ANNA, kapt. D.H. Bus en DE TROMP, kapt. R.T. Nolles, naar ….. De 11e, des morgens, arriveerde FORTUNA, kapt. T. Heller, van St. Thomas.
De 10e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer van Marennes; DE JUFVROUW WILLEMINA LOURENTIA, kapt. J.J. Swart van Oleron en de 11e, des namiddags, CHRISTINA CORNELIA, kapt. J. Noord, van Marennes.
De 11e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE JONGE WILLEM, kapt. P. Jansen, van Liverpool en MARIA, kapt. P.E. Boer, van Lissabon.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE ONDERVINDING, kapt. L. Cornelis, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, binnen de stad Rotterdam, als last en order hebbende van hunne meesters, zijn van mening, na gedane aangifte en ingevolge de wet, publiek te veilen en verkopen, op dinsdag de 23e oktober 1827, des namiddags ten half vijf ure, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Groote Markt te Rotterdam het onder Nederlandse vlag varende driemastschip (opm: fregat), genaamd DE VROUW AGATHA, groot ongeveer 455 tonnen, laatst gevoerd bij kapt. Pieter van der Vliet (opm: Pieter van Vliet) en zulks bij kavelingen, met deszelfs daarbij behorende rondhout, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals het te veilen schip is liggende voor de Jonkmansteeg, aan de westzijde der Leuvehaven, alwaar de goederen op en het schip voor de kade genommerd, daags vóór en op de dag der veiling, door een ieder zal kunnen worden bezichtigd. (opm: de zeebrief werd in januari 1828 geretourneerd met de vermelding ‘schip gesloopt’)
Zullende na deze veiling nog ten verkoop worden gepresenteerd het hol van het driemast galjootschip, genaamd VREEDE EN VRIENDSCHAP, laatst gevoerd bij kapt. W. van der Kolff, groot ongeveer 227 tonnen, zo als hetzelve is liggende in de Zalmhaven, achter de scheepstimmerwerf van de heren P. van Swijndregt en wed. Visser, alwaar hetzelve mede daags vóór en op de dag der veiling zal kunnen worden bezichtigd. Iemand nadere onderrichting begerende, spreke de bovengemelde makelaars. (opm: de zeebrief was reeds op 6 juli geretourneerd met als opmerking ‘schip wordende gesloopt’, zie ook RC 290527)


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 12 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen JUFVROUW WILHELMINA LAURENTINA, kapt. J.J. Swart, van Oléron; TWEE BROEDERS, kapt. S.J. Brouwer, en CHRISTINA CORNELIA, kapt. J. Noord, beiden van Marennes, en alle drie met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Den 8 oktober is van Batavia naar Nederland vertrokken Zr.Ms. schip WATERLOO, kapt.t.zee A. van Daalen.


16 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 oktober. De 14e, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis, het Engels koningsjacht ROYAL SOVEREIGN, vergezeld van twee stoomboten, aan boord hebbende Hare Majesteit de koningin van Wurtemberg. Volgens rapport is met de loodsen aan boord voor de wal het schip PHOENIX, kapt. Andersen, van Batavia.
De 14e, des namiddags, arriveerde CONCORDIA, kapt. A.E. Pot, van St. Ubes; de 15e, des morgens, ’S LANDS WELVAREN, kapt. A. Rietdijk, van St. Ubes; DE VROUW ENGELINA, kapt. H.T. de Jong en DE JONGE CORNELIS, kapt. H.H. Koster, van Marennes en zeilden ELIZABETH, kapt. T. Vos, naar Stettin.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VRIENDSCHAP, kapt. Hubroeke, van Santos; THERESIA, kapt. Besseling, VROUW ANNA, kapt. Korter en BUITENWERF, kapt. Gust, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Een Nederlandse smak is bij Fredriksvärn drijvende gevonden en in een bogt bij Tiollingsogn, in het Lausviger distrikt, aan wal gebracht; dezelfve zou te Veendam thuis behoren en voorheen door de kapitein Engelsman gevoerd zijn geweest; waarschijnlijk is deze dezelfde, als waarvan den 8 dezer reeds gemeld is.


  DC - Dordtsche Courant

Alkmaar, 11 oktober. Z.M. de koning heeft de heer Krap-Hellingman, controleur der belastingen alhier, ter vereering van deszelfs kloekmoedig en menslievend gedrag, bij het stranden van de WASSENAAR, te Egmond, een gouden medaille, van de eerste grootte, verleend. Men zal zich herinneren, dat genoemde heer degeen is geweest, die, met gevaar van zijn leven, het eerst, met een pink van de heer Medebrink, manschappen van het schip de WASSENAAR afgehaald heeft.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 9 oktober. Heden zijn behouden alhier ter rede gearriveerd Zr.Ms. schip van oorlog de ZEEUW, kapitein ter zee Lucas, komende van Batavia, alsmede Zr.Ms. oorlogsfregat de AMSTEL, kapitein-luit. ter zee F. Bakker, van Curaçao. De laatste zal morgen in het dok worden binnen gehaald. Het schip de ZEEUW, hetwelk in de maand januari l.l. van hier naar Oost-Indiën was vertrokken ter overbrenging van een gedeelte der expeditionaire afdeling, heeft op den 8 juli l.l., Batavia verlaten.
Volgens berichten, door dit schip aangebracht, hebben twee aanzienlijke opperhoofden der opstandelingen de Pangerans Netto Prodjo en Serang, benevens acht Tommongongs, zich aan het Nederlands Gouvernement onderworpen. Men vleidde zich, dat hunne onderwerping een gunstige invloed op de geestgesteldheid der opstandelingen zoude hebben. Voor het overige was er niet veel van belang voorgevallen. Men zegt, dat zich aan boord van DE ZEEUW 114 passagiers, waaronder 70 kinderen, bevinden, zijnde meestal beambten, die ten gevolge der door Zijne Ex. de Commissaris-Generaal in Oost-Indië ingevoerde maatregelen van bezuiniging naar het vaderland terug gezonden worden.


18 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 oktober. De 15e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE ONDERNEMING, kapt. M. Rooderkerk, uit de Maas (als bijlegger naar Marennes).
De 16e, des morgens, zeilden van Brielle DE JUFVROUW JEANNETTE, kapt. B.J. Groothuis, naar Drontheim; HENDRICA, kapt. O.G. Sap en DE VRIENDSCHAP, kapt. C. Bradhering, naar de Oostzee en arriveerden DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, van Southampton; DE VROUW JACOBA, kapt. J.J. Rink, van Bergen en DE JONGE GERRIT, kapt. P. de Best, van Portsmouth.
De 16e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis AGNES, kapt. W. Buys, van Rio-de-Janeiro; de 17e, des morgens zeilden DE VLIJT, kapt. E.E. de Vries, naar Liverpool en JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, naar….
De 16e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap, van Drontheim.
De 13e dezer zijn ter rede van Vlissingen gekomen de schepen DE VALK, kapt. L. de Valk, van Londen naar Ostende en DE JONGE JACOB, kapt. J. Bauwens, van Ostende naar Londen, als bijlegger.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild VROUW JACOBA, kapt. H.R. Grimminga.
Te Antwerpen zijn gearriveerd CHRISTINA VOS, kapt. Smaal, van Riga; HERENTINA HENDRIKA, kapt. Breeland, ADOLPH TEODORA, kapt. Zijl en JUFVROUW MEES, kapt. Dorenbos, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. Kapt. T.P. Kramer heeft de 5e dezer bij Hijsantgeest (opm: Ouessant) gepraaid een schip met een rode nommervlag 88, naar Suriname en Curaçao; waarschijnlijk is het kapt. G.B. Bos, de 16e september van Amsterdam uitgezeild naar Suriname, voerende de nommervlag 83 en de 6e dezer bij Lezard gepraaid kapt. L. Wildschut, DE KOLONIST, naar Suriname en kapt. H.H. Zeijlstra, CHRISTINA BERNARDINA, naar Montevideo.
Kapt. H. van Veen jr. (opm: kof MARIA), van Bordeaux te Amsterdam gearriveerd, heeft de 8e dezer, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), in goede staat zeilende gezien een driemastschip, tonende de vlag van het collegie Zeemans Hoop met n.° 113, zijnde die van kapt. F.J. Vlieger, voerende het fregatschip HENRIETTE EN HENRI, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. De kof DE TWEE GEBROEDERS, kapt. R. de Vries (opm: Rens de Vries, Rotterdam), met ballast van Yarmouth naar Rotterdam is, volgens brief van Den Helder, van de 14e dezer, de vorige dag gestrand en geheel verbrijzeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. De smak DE HOOP, kapt. K.Z. Schut, met gerst van Londen naar Rotterdam is, volgens brief van Texel van de 14e dezer, met behulp van een schuit en volk, wegens lekkage aldaar in de haven gebracht; van de lading welke beschadigd is en gelost moet worden om te repareren, heeft men omtrent 8 lasten overboord moeten werpen, ten einde het schip te lichten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 oktober. Aangaande het op de kust van Noorwegen verongelukte smakschip, reeds gemeld, (opm: zie RC 091027) meldt men van Delfzijl van de 11e dezer, dat kapt. Siegers (opm: waarschijnlijk kapt. J.R. Siegers, voerende de VROUW GEERTINA), van Noorwegen te Groningen gearriveerd, de kiel van gemelde smak herkend heeft voor die van het te Veendam te huis behorende schip DE VROUW BEERTA, kapt. H.R. Engelsman, de 21e september van Brevig naar Delfzijl vertrokken.
Verder rapporteert kapt. J. Teunis ten Cate (opm: voerende de smak VRIENDSCHAP), te Delfzijl binnen, dat hij, mede de 21e september van Larvig vertrokken zijnde, des nachts door een zware storm werd belopen en de volgende dag te Nevlunghavn was binnengelopen, op welke dag de genoemde smak door loodsen tussen Svinöer en de vaste kust, met de kiel boven water drijvende, is gevonden. Onder meer andere goederen was een kistje aangespoeld, waarin twee brieven aan een matroos van kapt. Engelsman gevonden zijn; ook zou, zo men zegt, een raamstuk aangedreven zijn.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 17 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VROUW JACOBA, kapt. J.J. Rink van Bergen met stokvis en traan; de JONGE CORNELIS, kapt. H.H. Koster, en de VROUW ENGELINA, kapt. H.T. de Jong, beiden van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 16 oktober het schip SCHOON VERBOND, kapt. D. Kraijer, met 6 passagiers, den 15 mei vertrokken van Amsterdam.


20 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 oktober. De 18e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis DE JONGE HENDRIKA, kapt. A. Plug, naar Port-Mahon.
De 18e, des morgens, zeilden van Brielle DE DRIE GEBROEDERS, kapt. A.P. Schrader, naar Kopenhagen en PRINS PAUL FREDERIK, kapt. H.N. Ramer, naar Newcastle.
De 18e, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis KONING DER NEDERLANDEN, kapt. S. van Delde Az., naar Smyrna. De 19e, des morgens, DE GOEDE VERWACHTING, kapt. A. van der Weijden, naar Gibraltar.
De 19e, des morgens, zeilde uit de Maas AMALIA, kapt. J. Serk, naar Lissabon.
DC 211027
Dordrecht, 19 oktober. Aan deze stad is gearriveerd het schip de VRIENDSCHAP, kapt. R.R. Sap van Drontheim met stokvis en traan.


22 oktober 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. T. van Olivier, F. der Kinderen, J. Corver, A. van der Sluijs, G.W. Sesink Clee en A. Roos, makelaars, zullen op heden de 22e oktober 1827 ’s avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads-Herberg aan het IJ, verkopen:
- een extraordinair welbezeild kaag- of gaffel-schip, genaamd HET VERTROUWEN, groot volgens binnenlands patent 108 tonnen, geschikt voor binnen- en buitenvaart, voorzien van zeebrief en patent.
- een extra welbezeild kaagschip, genaamd DE VROUW GRIETJE, groot volgens meetbrief 91 tonnen.
Allen met derzelver complete inventaris. Breder bij biljetten vermeld en bericht bij de bovengenoemde makelaars en bij van Olivier & Comp., cargadoors. Blijvende gemelde vaartuigen inmiddels uit de hand te koop.


23 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot-Maatschappij.
Voor passagiers en koopmanschappen.
Vaart tussen Amsterdam en Hamburg, binnen de 34 uren..
Het stoomschip WILLEM DE EERSTE vertrekt, voor de laatste reis dit jaar, van Amsterdam zaterdag de 27e oktober, des ochtends ten 3 ure en van Hamburg zaterdag de 3e november, des ochtends ten 6 ure.
Partijen goederen boven het last worden tot gelijke vrachten als die der zeilvaartuigen aangenomen.
Voor passagiers en koopmanschappen.
Vaart tussen Amsterdam en Londen, binnen de 34 uren.
Het stoomschip DE BEURS VAN AMSTERDAM vertrekt, voor de laatste reis dit jaar, van Amsterdam zaterdag de 13e en 27e oktober, des ochtends ten 3 ure en van Londen zondag de 4e november, des ochtends ten 6 ure.
De vracht van goud en zilver voor beide diensten, met inbegrip der assurantie, is voor partijen boven NLG 2000 voor het zilver 3 achtsten en voor het goud 5 zestienden per cent, zonder assurantie 1 achtste per cent, terwijl voor Hamburg mede de Stader tol onder deze vracht is berekend. Effecten onder NLG 10.000 1/16e per cent en daarboven 1/32e per cent.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Liverpool, het Nederlands kofschip JONGE WILLEM, kapt. Pieter Janzen. Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 oktober. Te Travemünde is aangekomen R.R. Onnes (opm: tjalk TWEE GEBROEDERS), van Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 oktober. De 21e, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis DE GOEDE HOOP, kapt. H.B. de Jong, van Drontheim en zeilden Zr.Ms. brik van oorlog ZWALUW, luit. Ampt; ANTHONIJ, kapt. M. Azon Jacometti, naar Batavia.
De 19e, des namiddags, arriveerde in de Maas EENDRAGT, kapt. J. Dillewijns, van Londen. De 29e, des morgens, zeilden DE DRIE GEBROEDERS, kapt. C. Smith, naar Marseille en FELIX, kapt. W.J. Kramer, naar Cherburg. De 21e, des morgens, arriveerde JANNA HAZINA, kapt. B.J. Kolk, van Bergen en DE LIVIUS, kapt. C. Theling, van Riga en zeilden DIANA, kapt. R. Huisman, naar Dartmouth en DE VROUW JOHANNA, kapt. W. Regoord, naar Lissabon. De 22e, des morgens, arriveerden te Helvoetsluis DE VROUW JOHANNA, kapt. C.F. Christoffers, van Rostock en DE JONGE WILLEM, kapt. J. Hartwijk, van Archangel, laatst van Texel. De 21e, des namiddags arriveerden te Brielle DE HOOP, kapt. W. van der Horden, van Bergen (opm: in 1828 werd de kof verkocht, waarschijnlijk voor de sloop); FLORA, kapt. P. Tampke, van Faborg. De 22e, des morgens, zeilden DE VROUW AMALIA, kapt. L.C.B. Anderson, naar Londenderry en VERWISSELING, kapt. C. van der Drift, naar Villa-Nova.
Te Antwerpen zijn gearriveerd MERCURIUS, kapt. Folkens (opm: kof, kapt. R. Folkerts), van Rio Grande en Jacoba, kapt. E.M. de Jonge, van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 oktober. Kapt. B.R. van Wijk, voerende de kof CONCORDIA, van Oleron in het Vlie binnen, heeft de 8e dezer, op 49 graden 49 minuten noorderbreedte, 4 graden 38 minuten westerlengte van Greenwich, gezien een Nederlands fregat, koers zettende om de west en tonende de vlag van het kollegie Zeemans Hoop met n.° 13, zijnde die van kapt. F.J. Vlieger, voerende het schip HENRIETTE EN HENRIJ, van Amsterdam naar Batavia.
Kapt. A.H. Breeland, voerende het schip ARENDINA HENDRIKA, van Marennes te Antwerpen gekomen, heeft de 11e dezer, 5 mijlen N.W. van Goudstaart, met stijve koelte uit het westen, gezien een schip, tonende de vlag met R, n.° 130, zijnde die van kapt. Guijt, voerende het schip LOUISA, van Rotterdam naar Jersey.
Het schip WILHELMINA EN MARIA, kapt. J. Boelen JZ., van Amsterdam te Arica aangekomen is, volgens brief van Lima van de 14e mei, te Arica gedwongen geworden 520 man troepen in te nemen en naar Guijaquil over te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Vertrek der beurtlieden uit ’s-Hertogenbosch.
Het stoomschip JULIA die dagelijks afvaart om 7.30 uur des morgens en welke met al de steden van Holland correspondeert.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 20 oktober. Den 16 en 17 oktober zijn van hier gezeild: de VALCK, kapt. L. de Valk, van Londen naar Oostende, met stukgoederen, en de JONGE JACOBUS, kapt. J. Bauwens, van Oostende naar Londen, mede met stukgoederen.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 21 oktober het schip VASCO DA GAMA, kapt. Th. Versluijs, met een passagier, den 10 juli vertrokken van Antwerpen.


25 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading, naar Batavia, het snelzeilend gekoperd tweedeks fregatschip CONCORDIA, kapt. Hendrik Bos, om vóór of op de 1e december aanstaande te vertrekken; dit schip heeft zeer goede inrichtingen voor passagiers. Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuijzen.
Te Rotterdam ligt in lading, naar Suriname (ook voor passagiers), het Nederlands snelzeilend met zink gedubbeld tweedeks fregatschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om de 15e november aanstaande te vertrekken. Te bevragen ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.
Te Rotterdam ligt in lading, naar Nantes, het Nederlands hoekerschip DE HOOP, kapt. Hendrik van den Bosch, om binnen weinig dagen te vertrekken.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 oktober. Kapt. J.J. Stijntjes, voerende het schip DE JONGE HENDRIK, van Marseille naar Antwerpen, te Lissabon binnen, meldt van daar, in dato de 2e dezer, dat hetzelve, na gedane reparatie, weder gereed was, om zo hij dacht de volgende dag de reis voort te zetten.
Het schip IDA CORNELIA, kapt. G.E. Broekema, van Amsterdam naar de Oostzee, is de 15e dezer, wegens tegenwind, te Travemünde binnengelopen, doch heeft nog dien dag de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 oktober. De 22e, des namiddags, zeilden van Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog ZWALUW, luitenant Ampt; ANTHONIJ, kapt. M. Azon Jacometti, naar Batavia en arriveerde PHOENIX, kapt. Anderson, van Batavia (zijnde door behulp van de stoomboot ATTWOOD, kapt. Stranack, binnen gesleept en onder de Goerese haven geankerd). De 23e, des morgens, DE EERSTELING, kapt. H.F. Klie, DE STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk en DE HARMONIE, kapt. Stroobuur, van Marennes en de MARIA ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, van Villa Nova.
De 22e, des namiddags, arriveerde te Brielle ST. PIETER, kapt. M. van den Bosch, van Ostende. De 23e, des namiddags arriveerden te Helvoetsluis DE AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, JOHANNA EN ANNA ALIDA, kapt. J.J. Kortrijk en DE VREDE, kapt. J.J. Greeven, van Marennes; LOUISA, kapt. D. Guijt, van Jersey; CONCORDIA, kapt. B.J. de Boer, van St. Ubes. Kapt. Kortrijk, bovengemeld, rapporteert, dat hij de 21e dezer, ter hoogte van het eiland Wight, in goede staat gepraaid heeft een brikschip (opm: KONING DER NEDERLANDEN), gevoerd door kapt. S. van Delden, met de Rotterdamse nommervlag 75.
De 23e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE VRIENDSCHAP, kapt. .P. de Jong, van Dantzig.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE AREND, kapt. H. Elbring, naar Yarmouth; SARAH, kapt. O.M. Schol, naar Hull; DE ELIZA, kapt. J. Renken en DE JONGE JOHANNA, kapt. W. Poel naar Londen; DE JONGE HORTENCE, kapt. H.A. Niebering (opm: buitenlander) en KAREL EN WILLEM, kapt. J.F. Schulte naar de Middellandse Zee; DIANA, kapt. R. Albers, naar Cork; JOHANNA MARIA, kapt. P.H. Groens, naar Marennes; CHARLOTTE EMELIE, kapt. J. Claeijs, naar Norie.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 24 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de GOEDE HOOP, kapt. H.B. de Jonge van Drontheim met vis en koper; de JONGE WILLEM, kapt. J. Hartwijk van Archangel met teer en matten; JANNA HAZINA, kapt. B.P. Kolk van Bergen met stokvis en traan, en die FRAU JOHANNA, kapt. C.T. Cristoffers van Rostock met tarwe en zand.


26 oktober 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Voor passagiers naar Batavia. Het snelzeilend Nederlands gekoperd fregat-schip, ZEEMANSHOOP, gevoerd door kapt. Pieter Kraaij, zal binnenkort van Amsterdam, alwaar het schip thans liggende, naar Batavia vertrekken. Diegenen, welke als passagiers van deze gelegenheid, voor de overtocht naar gezegde plaats gebruik wensen te maken, worden verzocht zich daartoe aan te melden bij de cargadoors Jan Corver en Comp. of bij de kapitein voornoemd, te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

’s Gravenhage. Naar men verneemt, zijn de generaal majoor Van den Bosch en de heer Guljé, laatstleden vrijdag uit deze residentie vertrokken naar Helvoetsluis om zich aan boord te begeven van de pakket de ZWALUW, luitenant Ampt. Genoemde heren vertrekken met dat schip naar onze West Indische volksplantingen, de eerste als commissaris generaal vanwege Z.M., de laatste om het bestuur der geldmiddelen in de kolonie te regelen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mrs. J. Hanekuijk en S.S. Wijma, notarissen te Harlingen, zullen, op woensdag den 31 oktober 1827, des avond ten 5 ure bij de beschrijving, en ten 7 ure bij de finale toewijzing, ten huize van logementhouder H. Winter aldaar, verkopen het hol van een brikschip, zodanig hetzelve thans is liggende in de Zuiderhaven te Harlingen.


27 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 oktober. Van Helvoetsluis wordt gemeld dat de 26e, des morgens zeilde DE VROUW CATHARINA, kapt. R.R. Engelsman, naar Yarmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 oktober. Te Port-Mahon is aangekomen Zr.Ms. oorlogsfregat DE JAVAAN, kapt. G.A. Pool uit Texel.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 26 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk; de VREDE, kapt. J.J. Greeven; de HARMONIE, kapt. J. Strobuur, en de AGATA, kapt. B.J. Potjewijd, alle vijf van Marennes, met zout.


30 oktober 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Marseille het Nederlands hoekerschip MARIA EN ADRIANA, kapt. Jacob Parlevliet senior om spoedig te vertrekken.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 oktober. Het schip VERHILDERSUM, kapt. J.C. Visser, met rogge, tarwe enz. van Koningsbergen naar Amsterdam, is volgens brief van Cuxhaven van de 17e dezer, met hulp van loodsen en volk met zware averij aldaar binnengelopen; hetzelve was de 8e dito reeds op de hoogte van het Vlie geweest, doch door tegenwind en stroom verhinderd geworden binnen te komen en sedert door een storm opzijde gesmeten en naar de Jutse kust terug gedreven. Het moet lossen om nagezien en gerepareerd te worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 oktober. Het schip ELISABET, kapt. Pallas, ligt aan Den Helder zeilree, om de 30e dezer naar Batavia te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 oktober. De 26e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE VROUW ELIZABETH, Kapt. C. van Gelderen, van Malaga en DE GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, van Marennes. De 27e, des namiddags, arriveerden MARIA, kapt. J. Sikkes, van Emden; DE VROUW PETRONELLA, kapt. W. Leeuwerik, van Marennes.
De 26e, des namiddags, arriveerde in de Maas DE VROUW ALIJDA, kapt. T.E. Bart, van Boulogne (opm: VROUW ALIDA; vermoedelijk werd de kof [bouwjaar 1802] na deze reis uit de vaart genomen en verkocht voor de sloop; kapt. Bart vervolgde in maart 1828 zijn carrière op de smak ALIDA).
De 27e, des morgens, zeilde MARIA CLASINA, kapt. S.H. Hooghout, naar ….. en arriveerden HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk, van Villa Nova en DE ST. ANTHONIJ, kapt. H.C. Jongebloed, van Libau.
De 28e, des avonds, arriveerde in de Maas DE WELDAAD, kapt. W.J. Stuit (opm: tjalk, kapt. Willem Jans Stuut), van Bergen (als bijlegger door tegenwind) naar Brussel.
Te Middelburg is gearriveerd het fregatschip DE ONDERNEMING, kapt. H. Eeltjes, van Suriname.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE JULIA, kapt. naar Cork; DE VROUW HENDRINA, kapt. K. van den Oever en NEPTUNES, kapt. P. Waerens, naar Londen. Te Antwerpen zijn gearriveerd WILLEM DEN EERSTEN, kapt. J. Langethée, van Rio-Janeiro; FREDERIcA, kapt. P. van den Kerckhove, van Matanzas.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 29 oktober. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen ANTINA, kapt. J.B. Schoon van Rostock met raapzaad; de MARIA, kapt. Jan Sikkes van Embden met klipzout; de GOEDE HOOP, kapt. H.H. Pot, en de VROUW PETRONELLA, kapt. Wouter Leeuwerik, beiden van Marennes, met zout.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 27 oktober. Van quarantaine is ontslagen en naar Antwerpen opgezeild L’AVENTURE, kapt. J. de Visscher, van de Havannah.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage den 24 october. Zr.Ms. brik van oorlog de ZWALUW, luitenant Ampt, waarop zich de heren generaal-majoor Van den Bosch en Guljé, l.l. vrijdag hebben ingescheept, is zondagmorgen uit Helvoetsluis naar zee gezeild.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia, 29 oktober. Volgens berichten uit de Moluccos ontvangen is op den 8 augustus jl. ter hoogte van de Drie Gebroeders, drie kleine eilanden tussen Ceram en Amboina gelegen, verongelukt de gouvernements transport-orembaaij (opm: kielvaartuig zonder vlerken), genaamd DE ROOS. Dit vaartuig, hetwelk van een reis van Sawaij terugkwam, is door een sterk rollende deining omgeslagen. De gezagvoerder met acht Javaanse matrozen, vijf soldaten en twee passagiers hebben zich met de boot gered en zijn de volgende dag op het eiland Manipa geland, doch een Javaanse sergeant, die zich met zijn vrouw en kind benevens een soldaat in het ruim bevond, zijn, niettegenstaande alle aangewende pogingen om dezelve te redden, bij dit ongelukkig voorval verdronken.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 26 oktober het schip AUGUSTE, kapt. J. Andersen, den 5 juli vertrokken van Antwerpen.


01 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Suriname (ook voor passagiers), het Nederlands snelzeilend met zink gedubbeld tweedeks fregatschip COLUMBUS, kapt. Jacob de Gorter, om de 15e november aanstaande te vertrekken.
Naar Bordeaux, het Nederlands kofschip DE ZEEMEEUW, kapt. Eildert Reints, om de 25e november aanstaande te vertrekken.
Naar Nantes, het Nederlands hoekerschip DE HOOP, kapt. Hendrik van den Bosch, om binnen weinig dagen te vertrekken; met uitzondering van kaas, zware goederen zullen vrachtvrij overgevoerd worden.
Naar La Rochelle, het Nederlands kofschip HERSTELLING, kapt. Arij Duindam.
Naar Rochefort, het Nederlands kofschip VROUW IKINA, kapt. Gerrit Jans Postema.
Naar Newrij, het Nederlands kofschip ONVERWAGT, kapt. Willem Poort.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.
Te Rotterdam ligt in lading, naar Batavia, het snelzeilend gekoperd tweedeks fregatschip CONCORDIA, kapt. Hendrik Bos, om vóór of op de 1e december aanstaande te vertrekken; dit schip heeft zeer goede inrichtingen voor passagiers. Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuijzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 oktober. De 30e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis HENRIETTE, kapt. J.J. Groot, van Libau. De 31e, des morgens, DE GOUDVISCH, kapt. H.J. Scholten, van Londen.
De 30e, des namiddags, arriveerden te Brielle DE VROUW GEZINA, kapt. J.L.Voss, van Bergen en DE ANNA MARGARETHA, kapt. M. Hansen, van Nakskov (als bijlegger op orde).
Te Antwerpen zijn gearriveerd VERWAGTING, kapt. Smet, van Bordeaux; JONGE HENDRIK, kapt. Stijnties, van Marseille; JONGE CESAR, kapt. Murray, van Londen; KLEINE KLAAS, kapt. Tarys, van Hemden (opm: niet traceerbaar); ELISABETH, kapt. Sijbes, van Marennes; JUFVROUW REGINA, kapt. Koop, van Triest; HIRONDELLE, kapt. J. Willaert, van Malaga.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de KOLONIST, kapt. J.H. Keijzer, naar Batavia; de HARMONIE, kapt. J.J. Kraefft, naar Stralsund; de HEMMINA, kapt. S.F. Taay, naar Cork; DE JONGE FERDINAND, kapt. J.J. Doesken, naar Honfleur en DE NEDERLANDER, kapt. E. Mazens, naar Rio-Janeiro.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 oktober. Het schip de WELVAART, kapt. J.J. Gort, met zout van Hamburg naar Antwerpen, is, volgens brief van Cuxhaven van de 24e dezer, dien ochtend voor de Oste (opm: zijriviertje van de Elbe; monding op 53 50 N 09 01 O) op het wrak van een in februari aldaar gezonken Engels schip geraakt en gezonken; het volk is gered en een gedeelte der vleet (opm: zeilen, inclusief staand en lopend tuig) geborgen.
(opm: de tjalk WELVAARD was in september 1827 door kapitein Jan Jans Gort naar zee gebracht na in januari 1827 als de binnenvaarder ex-TWEE GEBROEDERS te zijn aangekocht


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 oktober. Volgens brief van kapt. I.J. Bart, voerende het schip MARIA EN JACOBA, van Amsterdam, St. Thomas en Curaçao, in dato de 20e oktober, was hij toen, in goede staat en aan boord alles wel zijnde, op de hoogte van Bevesier (opm: Beachy Head) zeilende, in het gezicht hebbende het schip ANNA EN LOUISA, kapt. J.K. de Jong, van Amsterdam naar Demerarij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading naar Batavia voor passagiers:
Het eiken gekoperd fregatschip DE VROUW MARIA, kapt. A.M. Noorbeek om de 15e november te vertrekken.
Het eiken gekoperd fregatschip DE VIJF GEZUSTERS, kapt. J.J. Bonn om de eerste dagen van de maand december te vertrekken.
Beide schepen hebben uitmuntende inrichtingen om aan passagiers een genoeglijke overtocht te verschaffen. Adres bij de kapiteins aan boord der schepen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 31 oktober. Aan deze stad is gearriveerd het schip de VROUW GEZINA, kapt. J.L. Vos, van Bergen, met stokvis.


02 november 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 2 november. Eergisteren nog binnen, doch niet gepraaid: Kapt. H. Abrams, VROUW BARBARA, van Libaw. (opm: mogelijk Libau)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee á drie scheepstimmerman knechten, dadelijk vast werk begerende voor den tijd van 1 jaar, adresseren zich in persoon bij Gerrit Jans Berkemeijer, scheepstimmerman op de Leek.


  LC - Leeuwarder Courant

Bij dezen wordt bekend gemaakt, dat op de 10 oktober uit de Kuinre gezeild is een tjalkschip, bemand met twee personen, waarvan de schipper was Jan Karsten van Veen, welk schip bevracht was met turf, en presumptief in den nacht tussen 10 en 11 oktober verongelukt is op de hoogte tussen de Kuinre en het eiland Urk, en welke schipper en knecht beiden tot hiertoe vermist zijnde, verzoekt de ondergetekende Grietje Karsten van Veen, huisvrouw van bovengenoemde schipper, bij dezen elk en ieder die het lijk van haren man mocht vinden, hetzelve te Blokzijl of te Steenwijk te brengen, zullende daarvoor genieten vijftien guldens. De vermiste was gekleed met een witte nopjes borstrok, een blauw rankings buisje en waarschijnlijk een blauwe pijekker, blauw gestreepte onderbroek, ene blauwe lakense lange broek, witte wollen onderkousen, blauw gestreepte sajetten kousen en schoenen met lederen riem.
Steenwijk, 28 oktober 1827, Grietje Karsten van Veen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een smidsknecht, het scheepswerk grondig verstaande, liefst gehuwd, kan op 18 mei 1828, tegen behoorlijk goede verdiensten, vast werk bekomen bij H.G. Bloemsma, Mr. smid te Heerenveen. Brieven franco.


03 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 november. De equipage der stoomboot WILLEM DE EERSTE heeft gisteren namiddag op de hoogte van Giesendam het geluk gehad het leven te redden van vier mensen, die met een schuit vol beesten geladen omgeslagen waren en in het grootste gevaar verkeerden. (opm: een binnenvaart-stoomboot).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 november. De 31e, des namiddags, arriveerden in de Maas DE VROUW HILKE, kapt. E.J. Ebeling, van Rostock en DE VROUW JACOBA, kapt. H.R. Grimminga, van Drammen.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VRIENDSCHAP, kapt. Kluin, van Emden; VROUW JANTINA, kapt. Smet en REINE CHÉRIE, kapt. J.C. Kuiper, van Bergen; AURORA, kapt. Zuininga, van Riga; VROUW GEZINA, kapt. Van der Woude, van Hull.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. De brik DE JONGE HENDRIK, kapt. S.F. Denpf van Amsterdam naar Oostzee zit op de rug van Schuringhals; dezelver beide touwen gebroken en heeft een loodsschuit tot assistentie.
De kof ALIDA, kapt. H.F. Deddes is op de hoogte van het Friesche Gat in goede staat gepraaid door kapt. W.A. de Jonge.


05 november 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 2 november. De brik gisteren op de Horst gestrand is F. Rogers, THERESIA, van Londen naar Hamburg, met stukgoederen, de kapitein en overige equipage zijn gered, ook hoopt men enige goederen te kunnen bergen. Van de in het Nieuwe Diep liggende schepen, hebben enige lichte schade bekomen. Verscheidene lichters en andere vaartuigen zijn op de wal geslagen. (opm: zie RC 081127).


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 2 november. Het Engels sloepschip JEANETTE EN MARTHA, is in de buitengronden van het Eijerland geheel verbrijzeld.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 2 november. Gepasseerde nacht is aan de Helderse zeekust aangedreven, een wrak of zijde van een schip, waaraan nog een mast, raas en boegspriet, enige gescheurde zeilen en want; waarschijnlijk van een verbrijzeld galjasschip; aan gemelde tuigage is gevonden een vlag of signaal, zijnde een-vierde rood, een-vierde wit, bij de hals een half blauw, in het rood een wit opstaand kruis.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 2 november. Gisteren aan gemelde kust aangespoeld: een wrak, zijnde een gedeelte van het dek van een schip of brik en een eiken barkas, waarvan het achterste gedeelte verloren is; voorkomende Amerikaans maaksel te zijn.


06 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 november. De 4e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis JOHANNA MARGARETHA, kapt. B.H. Pot, DE VROUW MACHINA, kapt. J.P. Boer en ENGELINA, kapt. R.H. Bok, van Marennes; JEREMIAS, kapt. L. Sijbes en JAN EN JACOBUS, kapt. J.S. Okkes, van Riga; DE JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder, van Oleron.
De 4e, des namiddags, arriveerde in de Maas ENGELINA JANTINA, kapt. B.J. Wijgers, van Marennes als bijlegger.
Te Antwerpen is gearriveerd AREND, kapt. Elbring, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloydslijsten van de 30e oktober en de 2e november.
De VROUW ANNA, kapt. Cot (opm: kof VROUW ANNA, kapt. Hendrik Caspers Uil), van Stockton naar Rotterdam, is de 29e te Sheringham, bij Cromer, op strand geraakt en verbrijzeld. De equipage is gered. (opm: de zeebrief werd 11 december 1827 geretourneerd onder vermelding ‘schip verongelukt’)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. De 1e dezer is aan de kust van Den Helder aangedreven enig wrakhout, benevens een ledig vatje gemerkt H en daaronder M, een zwaard, overloop en een roer met vaste roerpen, vermoedelijk afkomstig van een in de nabijheid verongelukte buitentjalk. De 3e dezer is aan gemelde kust aangespoeld een wrak, zijnde een gedeelte van een dek van een brikschip en een eiken barkas, waaruit het achterste gedeelte verloren, schijnende Amerikaanse constructie. Des nachts van de 4e dezer is mede aldaar aangedreven een wrak of zijde van een schip, waaraan nog een mast, ra’s en boegspriet, enige gescheurde zeilen en waant, waarschijnlijk van een galjasschip; aan gemelde tuigage is gevonden een vlag of signaal, zijnde een vierde rood en een vierde wit rechtopstaand kruis en in het wit een rood dito kruis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Het schip DE JUFVROUW TRIJNTJE, kapt. S.A. van der Werff, van Stockholm te Amsterdam gearriveerd, heeft op de hoogte van Urk ankers, touwen en zeilen verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. De brik DE JONGE HENRICH, te voren gemeld op de wal vastzittende, is sedert in vlot water en op de rede ten anker gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 november. Kapt. B.J. Jaski, voerende het schip DE VROUW HOLLINA (opm: VROUW LOLLINA), van Koningsbergen naar Leer, meldt van Fahrsund van de 16e oktober, dat hij, na zware storm doorgestaan en schade aan het schip bekomen te hebben, de 12e dito aldaar met een overgeworpen lading is binnengelopen; moest lossen om te repareren en dacht over drie weken tot het voortzetten der reis gereed te zullen zijn.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 4 november. In de storm van de 31e oktober jl., is van de Vlierede gedreven en op de Bollen van Kershoeven met al het volk totaal verongelukt het schip WILHELM, kapt. K.G. Gnets, van Elbine (opm: mogelijk Elbing, later Elblag, zie ook RC 081127).


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 4 november. De galjas THE DILIGENCE, kapt. W. Lange, is wegens verlies van ankers en braadspil naar Harlingen gezeild.
Te Lissabon is aangekomen: kapt. P. Haasnoot, DE HOOP, van Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 5 november. Aan deze stad is gearriveerd het schip MARTINA ALETTA, kapt. J.G. Hoetjer, van Bergen met stokvis.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Texel, 26 oktober. In de avond van de 10e dezer, omstreeks 11 uren, begaf zich de schipper Klaas Abbenes, met zijne loodsschuit, genaamd DE JONGE TRIJNTJE, vergezeld door zijn broeder, Jan Abbenes, Gerrit Bakker, Jacob Bakker en Jan Simonsz Duinker, alle Texelaren, uit het Nieuwe Diep, waar hij destijds lag, naar zee, ten einde, zo mogelijk, aan boord van een binnen komend schip, waarvan men meende een schot gehoord te hebben, een loods te kunnen overzetten, en daar door zich, in weerwil van het hoogst ongunstig weder, te kwijten, en van hunnen plicht als loodsen, en van hunnen plicht als echtgenoten en huisvaders, om in de behoeften hunner huisgezinnen te voorzien.
De voornoemde loodsschuit ging, dan keerde niet terug! Des anderen daags vond men het wrak derzelve, een uur bezuiden Kijkduin, op strand geslagen, en 5 kundige, nijvere zeelieden hadden, in de uitoefening van hun moeilijk en kommervol beroep, hun graf in de golven gevonden. Welke nu de onmiddellijke aanleiding tot ongeluk geweest zij, is niet wel met volslagene zekerheid te bepalen. Hoogstwaarschijnlijk echter is de gedachte loodsschuit, daar het een dubbele gereefde marszeilkoelte woei, en de zee geweldig hol stond, door een stortzee overvallen en omgeslagen. Vijf weduwen en dertien kinderen hebben door dit ongeval man, vader en broodwinner verloren, vier dier weduwen zitten thans met elf jonge, nog aan alles hulpbehoevende kinderen, schreiende ter neder, hebben in de volste zin des woords niets, en moeten bij de naderende winter van gebrek omkomen, zo de menschlievendheid zich hunner niet ontfermt. Een commissie, aan wier hoofd de heer en Mr. G.C.W. Reinbach, burgemeester van het eiland Texel, heeft daarom hare menslievende landgenoten opgeroepen, haar door liefdadige giften in staat te stellen, zo vele, buiten eigen schuld diep ongelukkig geworden, weduwen en wezen, in de knellende winter ten minste daarvoor te kunnen behoeden, dat zij niet der ellende en het gebrek ten prooi worden, even als hun mannen en vaders die der golven geweest zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

’s Gravenhage, 1 november. Laatstleden nacht heeft een zware storm gewoed, welke de gehele dag van heden heeft voortgeduurd. Ten gevolge van dien is de zee aan onze stranden hoog opgelopen, en heeft dezelve grote schade aan de pinken te Scheveningen veroorzaakt. Een galjoot scheepje, geladen met rogge, en bestemd naar Schiedam, is tussen Ter Heide en Scheveningen gestrand, doch de manschappen, zes in getal, zijn behouden aan wal gekomen. Waarschijnlijk heeft een visser, die vroeg in den morgenstond dit scheepje van wal ontdekt had, veel tot de redding der manschappen toegebracht, door zich zo diep mogelijk in zee te begeven, en aan dezelve, toen hij zag, dat zij zich gereed maakten over boord te springen om aldus naar land te zwemmen, toe te roepen, dat zij aan boord moesten blijven, dewijl het water aan het vallen was, en zij binnen het uur in veiligheid zouden zijn. Zonder deze waarschuwing, was de equipage hoogstwaarschijnlijk in de golven omgekomen.


08 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. De 5e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuiper, van Marennes.
Te Antwerpen zijn gearriveerd VROUW ANNA, kapt. Wijkmeijer en VEREENIGING, kapt. Daas, van Nantes; JONGE RENTE, kapt. Huisman, van Marennes; AURORA, kapt. de Boer, van Marseille; GUILLAUME, kapt. De Ruijter, van de Havanna en VROUW TITIA, kapt. Schuur, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 november. De brik, te voren reeds gemeld (opm: zie RC 061127, 1e bericht van Amsterdam 4 november), op de Horst van Texel gestrand, is genaamd THIRZA, kapt. T. Rogers, met stukgoederen van Londen naar Hamburg; het volk is gered en van de lading waren de 3e dezer geborgen 31 kisten indigo, 18 kisten thee, enige kisten blik, 2 kisten koopmanschappen, 47 balen katoen, een partij rood hout, enige vaten koffij en suiker, alles meer en minder beschadigd en de suiker gesmolten; benevens enige scheepsgereedschappen. Het schip zou eerstdaags ter plaatse verkocht en van de lading waarschijnlijk niet veel meer geborgen kunnen worden, alzo de vaten koffij uit elkander en de vaten suiker ledig gesmolten waren.
De 2e dezer is aan het Eijerland aangespoeld een luik van een schip, gemerkt L.M.
Op de Bollen van Kershoek is totaal verbrijzeld het schip WILHELM, kapt. C. Grutz, van Amsterdam naar Elbing, waarbij al het volk is omgekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Het galjas DE DILIGENCE, kapt. W. Lange, van Amsterdam naar de Oostzee, was, wegens verlies van twee ankers en het braadspil, naar Harlingen gezeild.
Het galjas FANNIJ, kapt. C.D.C. Muller, van Harlingen naar Hamburg of Bremen, was de 31e oktober van de Vliereede naar Terschelling gezeild en de volgende dag met behulp van een loodsschuit voor de haven van Terschelling gebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Aangaande het schip ANNA KATARINA, kapt. J. Larsen, heeft men nader bericht van Harlingen, in dato de 3e dezer, dat hetzelve, na op de Vliereede de masten, zeilen, anker en touw verloren te hebben, door schuiten, op goede mannen zeggen, in de Jetting is gebracht en de volgende dag te Harlingen verwacht werd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Het schip LUCIA, kapt. G.S. Funck (opm: buitenlander), van Amsterdam naar de Oostzee, mede tot rede van het Vlie liggende, totaal verongelukt, doch het volk gered en te Amsterdam aangebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. De schepen DE VROUW FENNEGINA, kapt. W.J. Pronk, van Kiel en DE VROUW ANTJE, kapt. O.G. Stuit, van Dantzig, beide naar Amsterdam, zijn, volgens brief van Groningen van de 2e dezer, de 30e oktober wegens tegenwind te Zoutkamp binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Van het galjoot AUGUSTA REBECCA, kapt. J. Emcke, met rogge van Libau naar Schiedam, des nachts van de 31e oktober en de 1e dezer tussen Ter Heide en Scheveningen gestrand, waarvan de equipage gered is, zou men de lading, welke nat geworden is, de 3e dito beginnen te lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Het schip NEPTUNUS, kapt. J. Heijen, met tarwe, kool- en mosterdzaad van Carolinerzijl (opm: Carolinensiel) van de 2e november, in de storm tussen de 31e oktober en 1e dezer op de Wadden, tussen Langeoog en de Dijk (opm: de zeedijk van Ost-Friesland), geheel verbrijzeld en van hetzelve of van de lading is niets geborgen, het volk heeft zich ternauwernood gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. Aangaande het schip CONSTANT (opm: thuishaven Antwerpen), kapt. W. Schipman, de 6e juni van Rio Grande naar Antwerpen vertrokken, heeft men sedert niets vernomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 november. De Nederlandse smak DE VRIENDSCHAP, kapt. J. Leserq (opm: kapt. J.B. le Secq, thuishaven Gent), van Ostende naar Marennes, is in de avond van de 2e oktober op de kust van het eiland Oleron (opm: Île d’Oléron), niet ver van Domino (opm: positie 45 58 N 01 23 W), verongelukt en de kapitein daarbij omgekomen; van de equipage hebben slechts twee man en een jongen zich gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. Montauban van Swijndregt, H. Montauban van Swijndregt en F. van Dam, makelaars, als last hebbende van hunne meesters, zijn van mening op dinsdag de 20e november 1827, des namiddags ten vier ure, in het logement Het Groot Hotel van Engeland, op de Grootemarkt te Rotterdam, publiek te veilen en verkopen: het Nederlands gebouwd tweedeks driemast galjootschip, genaamd ROTTERDAM, laatst gevoerd geweest door de bevelhebber J. Keller, lang over steven 33,03 el, wijd binnen de huid 7,46 el, hoog tussendeks 1,87 el, hol in het ruim van de bovenkant de kiel tot onder de watergangen 3,62 el, groot circa 210 roggelasten; met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve thans is liggend in de Leuvehaven, nabij de Scheepsmakershaven, binnen de stad en des daags vóór en des voormiddags van de dag der verkoping door een ieder kan worden bezichtigd.
NB. Het voorschrevene schip is laatstelijk uitgerust geweest voor de walvisvangst, doch uit hoofde van deszelfs hoog tussendeks bijzonder geschikt voor het transport der troepen en passagiers naar de Indiën. De koper van hetzelve zal daarbij een complete walvis- en robbenvangers-vleet, volgens gemaakte taxatie, kunnen overnemen.


  AC - Amsterdamsche Courant

Vlissingen, 3 november. Heden is alhier met het beste gevolg van de rede binnen ’s Rijks dok geloodst, Zr.Ms. schip van oorlog DE ZEEUW, gecommandeerd door de kapt. ter zee E. Lucas.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 7 november. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de VROUW MARCHINA, kapt. J.P. Boer; JOHANNA MARGARETHA, kapt. H.H. Pot; ENGELINA, kapt. R.H. Bok; de VROUW WEBBINA, kapt. J.H. Kuijper, en de JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder, alle vijf van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 6 november het schip MARCO BOZARIS, kapt. J.G. Adriaan, met 1 passagier en Zr.Ms. troepen, den 5 juli vertrokken van Amsterdam.


  BC - Bataviasche Courant

De gelegenheid wordt ons aangeboden tot het bekendmaken van de oprichting van een Nederlandse scheepsrederij, gevestigd te Amsterdam. Een geheel nationale instelling, die alleen tot doel heeft de herleving en bevordering van de aloude scheepvaart en van alle de daaraan verbondene takken van nijverheid, waardoor ons vaderland in vroegere jaren tot zulk een hoge trap van welvaart en bloei gestegen is. Wij zullen in een volgend nummer onze lezers de statuten van de voormelde scheepsrederij breedvoerig doen kennen, en verder al die inlichtingen geven, waartoe wij ons in staat vinden gesteld.


09 november 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 8 november. Uitgezeild: Kapt. F. Spiegelberg, SUSANNA MARIA en kapt. K. Spiegelberg, PARAMARIBO, beide naar Suriname; kapt. J.G. Wiersma, DE TWEELING: DANIEL EN WILCO, naar Cette; kapt. J.R. Bossinga, TWEE GEBROEDERS, naar Marseille; kapt. O. Smit, SPRIGHTLY en kapt. G.K. Dijkstra, TWEE JONKVROUWEN, beide naar Londen.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 8 november. Op het Noorderstrand van Petten is aangespoeld een wrak, afkomstig van een zwaar schip, hetwelk tekenen van gekoperd te zijn droeg, alzo aan de boeg en aan de zijde koper gevonden is.


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 8 november. Onder dato 5 november wordt dat de loodschipper J. Bremer, voerende de loods-ever N°. 153, thuis behorende te Teufelsbroeck (opm: mogelijk Teutendorf [Travemonding]), geborgen heeft vijf man van de equipage, van het kofschip CONCORDIA, kapt. G.B. Ebeling (opm: kapt. Gerrit Berents Ebeling, zie ook LC 300528), van Drammen naar Amsterdam, welk schip de 2e dezer na gissing 4 mijl ten Noorden van Terschelling vol water en gekenterd lag: de kapitein en stuurman zijn verongelukt, de bovengemelde manschappen hebben zich, van de 2e tot de 4e november met levensgevaar op de zijde van het wrak gehouden, tot dat zij door gemelde loods ever geborgen en alhier aan land zijn gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brussel, 3 november. Uit Oostende schrijft men van de 1e dezer, dat in de vorige nacht een hevige orkaan uit het noordwesten de vloed tot een buitengewone hoogte heeft opgezet, te weten tot 7 duimen beneden de vloed van 1818 en 22 beneden dien van de 4e februari 1825. Gedurende die storm zijn twee schepen op strand geslagen, een ten westen en een ten oosten der haven.
Het eerste, de Nederlandse smak HARMONIE, kapt. Mulder (opm: J. Möller), van Dordrecht naar Marennes, is geheel verbrijzeld, doch het scheepsvolk gered geworden.
Het andere is de Engelse post-paket ECLIPSE, kapt. Scheerlock; de brievenmail en de equipage is geborgen en men hoopt het vaartuig weder vlot te kunnen brengen.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 6 november. Het schip de VREDE, kapt. R.W. Vos, van Memel alhier gearriveerd, is, bij het op stroom ankeren, de 31e der vorige maand tegen een groot drie mast schip gezwaaid, waardoor men genoodzaakt is geweest de bezaanmast, een ankertouw en een tros te kappen.
De schoener PERLEN, kapt. Rasmus Gudberg, van Bergen alhier gearriveerd, heeft op de Zuiderzee zeer slecht weer gehad, waardoor de kapitein genoodzaakt is geweest de Fokkemast en een anker en touw te kappen en twee schuiten, met tien man, op goede mannen zeggen, tot assistentie aan te nemen.
De in het Nieuwe Diep liggende schepen hebben den 2 november enige schade bekomen en verscheidene lichters en andere vaartuigen zijn op den wal geslagen.
De 2e november is aan de kust van Den Helder aangespoeld een wrak, zijnde een gedeelte van het dek van een schip of brik, alsmede een eiken barkas, waarvan het achterste gedeelte weg was, zo het scheen van Amerikaanse bouwaard; in den volgende nacht, een wrak of zijde van een schip, waaraan nog een mast, ra’s en boegspriet, met enige gescheurde zeilen en want, waarschijnlijk van een verbrijzelde Galjas; aan welke tuigage gevonden is een vlag of signaal, zijnde een vierde rood, een vierde wit en bij de hals de helft blauw, in het rood een rechtopstaand wit en in wit een dito rood kruis, en 4 den dito, een mast met wand enz., duidelijk afkomstig van een schoener.
De 3e november dreven ter rede van Texel twee of drie wrakken en een mast, welke, alzo de harde wind niet toeliet om dezelve op te vissen, weg gedreven zijn.
De brik, volgens laatstvoorgaande, op de Horst van Texel gestrand, is genaamd THIRZA, kapt. Thomas Roger, met stukgoederen, van Londen naar Hamburg; het volk is gered en van de lading waren de 3e november geborgen 31 kisten indigo, 18 kisten thee, enige kisten blik, 2 kisten koopmanschappen, 47 balen katoen, ene partij roodhout, enige vaten koffij en suiker, alles meer en minder beschadigd en de suiker gesmolten; benevens enige scheepsgereedschappen; het schip zou eerstdaags ter plaatse verkocht en van de lading waarschijnlijk niet veel meer geborgen kunnen worden, alzo de vaten koffij uit elkander en de vaten suiker ledig gesmolten waren.
De 2e november is aan het Eierland aangespoeld een luik van een schip, gemerkt L.M.
Van het Vlie wordt van de 31e oktober gemeld, dat dien dag, bij het opkomen van den storm, van de ter rede liggende schepen twee brikken en een schooner de masten hebben moeten kappen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een halfsleten snikschip, ladende 200 korven aardappelen, met zeil, pomp, kloeten en verdere toebehoren, zeer geschikt voor een kermis reiziger, voorzien van ene ruime roef; te bevragen bij P. de Vries, Pz., bij het Stadhuis te Leeuwarden. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.G. van Blom te Drachten zal publiek bij strijk en verhoog geld op zeer aannemelijke condities presenteren te verkopen op vrijdag den 23 november 1827, des namiddags ten 4 uren, ten huize van Romke Durks Posthuma, herbergier in het wapen van Vriesland, te Drachten het geoctrooieerde Veerschip, varende in de beurt van Drachten op Harlingen, vice versa, met zeil en treil, haken en boomen, en verdere aanhorigheden, genaamd de TWEE GEBROEDERS, lang over steven 11 ellen 3 palmen en 6 duimen, wijd 3 ellen 2 palmen, en hol naar advenant, gemeten op 21 tonnen; benevens het octrooi hierbij behorende. De condities van verkoop zijn intussen te vernemen ten kantore van den notaris van Blom voornoemd. (In LC 071227 is geboden NLG 1850)


10 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Het schip DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Liverpool naar Emden, is de 2e november, onder de Singels, in goede staat gepraaid door kapt. B.H. Pot, van Marennes te Helvoet binnen.
Kapt. S.G. Funck, gevoerd hebbende het op de Vliereede verongelukte schip LUCIA, van Amsterdam naar de Oost-Zee, bevorens gemeld, (opm: zie RC 081127) rapporteert, dat het schip MARIA CAROLINA, kapt. J. Moller, van Amsterdam naar Gothenburg, mede ter rede van het Vlie liggende, na het kappen der masten, is omgeslagen en verbrijzeld; van de equipage had hij niets vernomen. (opm: bericht inzake de MARIA CAROLINA is onjuist; zie RC 131127 en RC 171127)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 november. De 7e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VROUW MAGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, van Villa-Nova.
Te Vlissingen is met het beste gevolg van de rede binnen ’s Rijks dok geloosd Zr.Ms. Schip van oorlog DE ZEEUW, gekommandeerd door de kapt.-ter-zee E. Lucas.
Te Antwerpen zijn gearriveerd BRUSSELAER, Devries, van Villa-Nova; GEZINA, kapt Taaij, van Havre.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 9 november. Aan deze stad is gearriveerd het schip ABEONA, kapt. F. Olsen, van Drammen met hout.


13 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 november. Het schip ter rede van het Vlie verongelukt, bevorens gemeld (opm: zie RC 101127), is niet, zoals door kapt. S.G. Funck gerapporteerd is, MARIA CAROLINA, kapt. J. Möller, van Amsterdam naar Gothenburg, als welk schip ter gemelde rede in goede staat liggende is, maar een brik, welke naam nog onbekend is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 november. Volgens brief van Hamburg, van de 6e dezer, liep aldaar het gerucht, dat de ever DE VROUW CATARINA, kapt. J. Wagener, van Amsterdam naar Hamburg, de 27e oktober uit het Vlie vertrokken, te Norderneij lek binnengelopen zoude zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 november. Het schip DE VRIENDSCHAP, kapt. J.F. Peeper, met hout en rogge van Dantzig naar Groningen, is, volgens brief van Bremen van de 2e dezer, na op Meijers Leegte (opm: Meyers Legde, plaat met toren dwars van Cappel) zwaar gestoten te hebben, vol water en met enige averij, door een loodskotter in de Geeste binnengebracht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 november. Het schip VREDE EN VRIJHEID, kapt. F. Annes Lammerts, met granen van Koningsbergen naar Amsterdam, is, volgens bericht te Cuxhaven binnengelopen.
De 9e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, van Marennes.
De 11e, des morgens, arriveerde in de Maas DE GOEDE VERWACHTING, kapt. K.H. Mulder, van Arensdahl (opm: Arendal).
De 11e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga, van Marennes.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 10 november. Den 7 dezer is van quarantaine ontslagen en naar Antwerpen opgezeild, RUBENS, kapt. T. Hamilton, onlangs van de Havannah gearriveerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een welbezeild Tjalkschip, liggende in de Zuiderhaven te Harlingen, groot circa veertig rogge lasten, met zeilen, ankers, touwen, enz., zoals hetzelve is bevaren door den eigenaar D.D. de Jong, bij wien condities en informatie te vernemen zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop de helft in ene Trekschuit, varende van Sneek op Leeuwarden vice versa, te bevragen bij den eigenaar Lieuwe Stinstra, te Sneek.


15 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. De schepen DE ONDERNEMING, kapt. G.B. Flik en DE JONGE WILLEM, kapt. P.IJ. Jobs, beiden van Amsterdam naar Lissabon, zijn de 31e oktober op de hoogte van Douvres (opm: Dover) kruisende gezien door kapt. O. Hanssens, van Faro te Amsterdam gearriveerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Het Engels schip THE HOPE, kapt. R. Aldes, met steenkolen van Newcastle naar Hamburg, is op Ameland geheel verongelukt; de kapitein is gered, doch de overige equipage daarbij omgekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Volgens brief van Hoekzijl (opm: Hooksiel), van de 4e dezer, was in de nacht van de 1e dito bij Mellum (opm: Jadeboezem) gestrand een galjas of kleine brik, genaamd CAROLINA FRA DRAMMEN, zonder volk, met stukgoederen naar Christiania en Drammen bestemd; de lading, welke meer of minder door zeewater beschadigd is, was reeds grotendeels geborgen en men hoopte ook het overige te zullen bergen, doch men dacht niet dat het schip weder af te brengen zou zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Het schip DIE GEGLŰCKTE UNTERNEHMUNG, kapt. B.J. Johansen, van Malaga naar Hamburg, is, volgens brief van Esens van de 5e dezer, bij het eiland Spiekeroog verongelukt en het volk waarschijnlijk daarbij omgekomen; het onderste gedeelte van het schip en een gedeelte der uit vruchten bestaande lading zijn aan strand gespoeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. De tjalk de VROUW MARIA, kapt. J.C. Uil (opm: kapt. Jan Caspers Uil), van Krageroe naar Holland, is de 1e dezer het onderste boven op het eiland Norderneij aangespoeld; de kapitein en drie zijner zonen zijn dood in de kajuit gevonden en op de Norderneij begraven. Volgens brief van Norden, van de 9e dezer, zou het schip misschien die dag geborgen worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Het schip REGINA, kapt. T. Tieman, zou de 10e of 12e dezer van Bremen naar Amsterdam vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. De ever DE VROUW CATARINA, kapt. J. Wagener, van Amsterdam de 7e dezer te Hamburg gearriveerd, is nog dien avond in brand geraakt, waardoor veel schade aan de touwen en zeilen, alsmede aan de inhebbende katoen, veroorzaakt is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 november. Het schip MARIA THERESIA, kapt. C.H. Uil, van Petersburg naar Amsterdam, te Elseneur liggende, had in de nacht van de 2e dezer een anker verloren.
Het schip HERCULES, kapt. J. Deeken, van Kadix naar Kopenhagen, de 5e dezer te Elseneur aangekomen, had de volgende ochtend, aldaar ter rede liggende, mede een anker en touw verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Zr.Ms. brik van oorlog DE ZWALUW, luitenant Ampt, van Helvoetsluis naar Suriname en Curaçao, is de 25e oktober voor Ramsgate en de 26e dito in Duins aangekomen, van waar dezelve het Kanaal is ingezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 november. De 13e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis ROTTERDAM, kapt. J. Laming naar Londen; KROONPRINSSEN, kapt. S.A. Carl, naar Hamburg; MARIA JOHANNA, kapt. H. den Breems, naar Messina; ’S LANDS WELVAREN, kapt. W. Schep, naar Gibraltar; FORTUNA, kapt. T. Helm, DE JONGE JOHAN GEORGE, kapt. G. Metzon, NEERLANDS KROONPRINS, kapt. A. van der Meijden en SIMON JOHANNA EN ELISABETH, kapt. H. van der Valk, naar Lissabon; HET VERTROUWEN, kapt. B.J. Bakker, naar Bordeaux; DE LEEUW, kapt. J. Verbruggen, naar Lynn; MARIA ANNA, kapt. A. van der Kaa, naar Wisbach; HENRIETTE, kapt. J.J. Groot, naar Libau.
De 13e, des morgens, zeilden uit de Maas RESOLUTION, kapt. G.E. Boer, naar Lissabon; DE VRIENDSCHAP, kapt. F. Plokker, naar Hull; FLORA, kapt. D. Rooderkerk, naar Liverpool; DE DIANA, kapt. E.R. Huisman, naar Dartmouth; DE VROUW JOHANNA, kapt. C.R. Christoffer, naar Leer; DE DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Horden, naar Gibraltar; DE MARIA JOSEPHINE, kapt. K.C. Kiensen, naar Kopenhagen.
De 14e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis ANTHONIJ, kapt. M. Azon Jacometti, naar Batavia. De 14e, des morgens, zeilden van Brielle DE VRIENDSCHAP, kapt. T.G. Rijn, naar Rochelle; DE HOOP OP WELVAART, kapt. K.H. Zuininga, naar Rochefort; BUITEN VERWACHTING, kapt. C. van der Plas, naar Londen; LOUISA, kapt. D. Guijt, naar Jersey; DE JONGE GERRIT, kapt. L. Hus, naar St. Valery.
Volgens een brief van kapt. H. Glazener, voerende het fregatschip MARIJ EN HILLEGONDA, naar Rotterdam bestemd, gedagtekend Douvres de 10e november, is hij aldaar door de sterke N.N.O. winden ter rede geankerd; zijnde de 25e juli laatstleden van Batavia vertrokken.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De commandant en directeur van de zeemacht in Oost-Indië maakt hiermede bekend, dat ingevolge de daartoe ontvangen aanschrijving bij resolutie van de Indische regering van den 13 november 1827 No. 11, op den 26 dezer lopende maand, ten overstaan van de haven- en equipagemeester alhier, publiek aan de meestbiedende zal worden verkocht de romp van Zr.Ms. fregat MELAMPUS, liggende ter rede van Batavia, en waaromtrent nadere informatiën bij de haven- en equipagemeester voornoemd zullen kunnen worden ingewonnen.
Batavia, 14 november 1827, de kapitein ter zee, commandant en directeur voornoemd, A.W. de Man.


16 november 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris J.A. Schaaff te Stiens zal op zaterdag den 24 november 1827, des namiddags ten 3 ure, ten huize van den kastelein D.J. Bosma, te Finkum, provisioneel veilen de gerechte helft in een geoctrooieerd Beurtschip, genaamd de SNELHEID, varende van Finkum op Leeuwarden en terug, met de gerechte helft in zeil en treil, haken boomen en verdere toebehoren, bij J.J. Koersma als huurder in gebruik, op den 12 mei 1828 vrij te aanvaarden. Conditiën zijn te vernemen en biljetten te bekomen bij de notaris J.A. Schaaff.
(LC 071227 is geboden NLG 325)


17 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 november. De 15e, des morgens, zeilden uit de Maas DE JUFVROUW MARIA, kapt. C. Wagenaar, naar Hamburg; DE JONGE JAN, kapt. P. Ouwehand, naar Hull en arriveerde DE MOEDER FIEKA, kapt. J.H. Jonker, van Londen.
De 16e, des morgens arriveerde te Helvoetsluis MARIJ EN HILLEGONDA, kapt. H. Glazener, van Batavia en zeilde PHOENIX, kapt. A. Anderson, naar Londen.
De 13e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE VROUW FEMMIGINA, kapt. A.K. Braam, van Londen. De 16e, des morgens zeilde DE HOOP, kapt. H. van den Bos, naar Nantes.
Van ANTWERPEN ZIJN DE Schelde afgekomen en naar zee gezeild SUSANNA, kapt. P. Ipsen, naar Hamburg; REINIERA, kapt. G. Meugens, naar Portugal; L’ESPERANCE, kapt. A. van Geijt, naar Londen en DE VRIENDSCHAP, kapt. S. Hubrock, naar Rio-Grande.
Te Antwerpen is gearriveerd ELIZA, kapt. Jacometti (opm: brik ELISA, kapt. T. Azon Jacometti), van de Havanna.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit de Lloijdslijst van de 13e november:
De Nederlandse korvet van oorlog DE POLLUX was te Mauritius bezig met timmeren en had een nieuwe boegspriet en roer nodig.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 november. Van het Vlie schrijft men: Uit de koophandel- en zeevaarttijding van de 9e dezer, n.° 134, heeft de post-praaischipper gezien het bericht van kapt. S.G. Funck, gevoerd hebbende het ter rede alhier gebleven galjas LUCIA, betrekkelijk het totaal verbrijzelen van het schip MARIA EN CAROLINA, kapt. J. Möller; verklaart hiermede het bericht bezijden de waarheid te zijn, als hebbende gemeld schip MARIA EN CAROLINA, tot heden geen schade bekomen en zijnde nog in goede staat ter rede liggende, alsmede de schepen DE TWEE GEBROEDERS, kapt. J.J. Steinorch , DRIE GEBROEDERS, kapt. H. Schlor en NAJADE, kapt. Soeshardt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 november. Kapt. H.B. Drent, voerende het schip de JONGE ISABELLA (opm: kof, thuishaven Brussel), van Bergen naar Brussel, meldt van Delfzijl, in dato de 5e november, dat hij aldaar is binnengelopen, na de 31e oktober een zware stortzee te hebben overgekregen, waardoor het schip geheel op zijde geworpen, de gieken-gaffel enz. gebroken, de boegspriet, luiken, lantarens van de kajuit, sloep, boot en alles wat zich verder op het dek bevond, benevens een man der equipage, weggeslagen werden en men genoodzaakt was touwen te kappen; zijnde alleen het dagelijks-anker overgebleven; hij vreesde ook voor schade aan de lading, zijnde de kajuit vol water geweest. (opm: zie PGC 301127)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 november. Volgens brief, in dato de 10e dezer uit Ramsgate, van kapt. J.F. Spiegelberg, voerende het gekoperd driemastschip SUSANNA MARIA, twee dagen te voren uit Texel naar Suriname gezeild, heeft hij de tegenspoed ondervonden, om in de vroege morgen van die dag op de Kentisch Knock te stoten en hoezeer, zo verre hij zien konde, noch het roer gebroken noch andere zichtbare schade daarvoor veroorzaakt was, maakte zijn schip, weder vlot wordende, vrij wat water; dienvolgens besloot hij om in bovengemelde haven binnen te lopen, ten einde zich daarvan meer nauwkeurig te verzekeren. Zijn broeder, kapt. K. Spiegelberg, voerende het brikschip PARAMIBO, mede de 8e dezer uit Texel naar Suriname gezeild, was hem de 10e dito des ochtends in goede staat en met een gunstige gelegenheid gepasseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Dieppe, het Nederlands bomschip DE HOOP, kapt. W. van Beelen.
Naar Rouaan, het Nederlandse bomschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. L. Maasdijk.
Adres bij Joh’s Ooms en Zn., cargadoors.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 november. Het schip CUPIDO, kapt. A. Jansen, van Stockholm naar Harlingen, is met schade te Gothenburg binnengelopen; moet lossen om te repareren.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. Al die wat heeft te vorderen of te pretenderen, op de verongelukte dekschuit, genaamd DE JONGE TREINTJE, gestrand bij Huisduinen, gevoerd geweest door nu wijlen Klaas Hertjes Abbens, kan zich adresseren, of persoonlijk vervoegen bij Klaas Jansen Bruin, aan de Hoorn op Texel; voor of uiterlijk op de 10e januari 1828, naar welke tijd geen pretentie meer zal aangenomen worden.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 16 november. Aan deze stad is gearriveerd het schip JOHANN GEORGE, kapt. Warner D. Kleininga van Marennes met zout.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 15 november. Den 14 november van Texel uitgezeild ELISABETH, kapt. C. Pakes,. naar Kaap de Goede Hoop.


19 november 1827


 GCO - Goessche Courant

Advertentie. Den 22 november 1827, ’s morgens ten 10 uren, zal notaris Van den Bussche, in het Fort Bath, publiekelijk verkopen, enige van het op den 29 oktober gezonken tjalkschip JASPERDINA (opm: bouwjaar 1811), kapt. W.H. Kleindijk, geborgene goederen, als onder andere:
De mast, giek, gaffel, boegspriet, fok, kluiffok, jager, het roer, 2 zwaarden, de boot en 2 riemen, het spil, enig houten werk, enig lopend want, een ankertouw, anker, werp-anker, een partij oud-ijzer, een watervat, wagthuis, compas en een boom.


20 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 november. De 18e, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis MERKURIUS, kapt. H.G. Scholte, van Bristol.
De 16e, des avonds, zeilde uit de Maas, DE VROUW HILKE, kapt. C.J. Ebeling, naar Embden; de 17e, des morgens arriveerde DE WISSELVALLIGHEID, kapt. W. van Noort, van Malaga. De 18e, des morgens, zeilde INDUSTRIE, kapt. P. van Duivenboden, naar Leith.
De 18e, des namiddags, arriveerde te Brielle DE ALIJDA, kapt. H.O. Deddes, van Honfleur. De 19e, des morgens, zeilden HARMONIE, kapt. Stroobuur, naar Cette en DE GOEDE HOOP, kapt. J.C. Kwakkenburg, naar ….. Er ligt een kof in de put ten anker, zijnde DE JONGE JAN, kapt. M.J. Schoon, van Hamburg.
Volgens rapport van kapt. Schaap, voerende het schip ROTTERDAMS WELVAREN, is op de 22e juli 1827 Anjer gepasseerd het schip NEERLANDS KONINGIN, gevoerd bij kapt. W. Verloop, van Rotterdam.
Te Antwerpen is gearriveerd DRIE GEBROEDERS, kapt. Jonker, van Amsterdam.

RC 201127
Uittreksel uit de Lloijdslijst van de 16e november:
DE ELIZABETH, kapt. Moneton (opm: mogelijk Engels schip ELISABETH, kapt. Moreton), van Medemblik, is bij het binnenlopen te Yarmouth (opm: Isle of Wight) op de bank geraakt en op de Gorlstone Beach gedreven, maar men dacht haar vlot te krijgen, na gelicht te zijn; het volk is geborgen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 17 november. Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en van onze rede naar zee gezeild de LIMA PACKET (opm: brik, ex-DEUX FRÈRES of ook TWEE GEBROEDERS), kapt. B. Harkema, naar Lima, met stukgoederen.


  BC - Bataviasche Courant

Nederlandsche Scheepsreederij, gevestigd te Amsterdam.
Ten einde dan nu de ingezetenen van deze gewesten, in staat te stellen om, onder de weldadige vaderlandse inrichtingen, diegene vooral te bevorderen, die strekken kunnen om de banden van onderlinge gemeenschap, tussen Nederland en Java te vermenigvuldigen, willen wij in een kort overzicht dat alles bijeen verzamelen, dat dienstig kan geoordeeld worden om over de aard en de strekking van de Nederlandsche Scheepsreederij gevestigd te Amsterdam, grondig te kunnen oordelen. En wij vermenen dat doel niet beter te kunnen bereiken, dan door woordelijk het bericht van de oprichters dezer maatschappij hieronder, evenals de statuten waarop zij gevestigd is, te vermelden, ten einde daarna de tegenwoordige toestand derzelve volgens de jongste berichten te doen kennen en de middelen aan te wijzen om ook hier aan deze zo nuttige onderneming deel te kunnen nemen.
Bericht. Het is een onbetwistbare waarheid, en het zal ook door niemand gelogenstraft worden, dat de handel en scheepvaart hier te lande sedert enige tijd merkelijk verminderd en verachterd zijn. Dit verval moet aan onderscheidene oorzaken toegeschreven worden, die het hier de plaats niet is aan te wijzen. Doch zijn sommige dier oorzaken ook al niet weg te nemen, er kan toch nog veel gedaan worden om alle verdere achteruitgang te voorkomen.
Het voorbeeld onzer waardige voorouderen strekke ons hier tot richtsnoer, en moge men ook aan de ene zijde erkennen, dat de aanleiding tot de vroegere uitgebreidheid en bloei van de handel en scheepvaart alhier grotendeels in een samenloop van waarschijnlijk nimmer terugkerende gebeurtenissen en omstandigheden moet gezocht worden, even zeker is het aan de andere zijde, dat ons voorgeslacht ook met zwarigheden heeft te worstelen gehad, welke nu niet meer bestaan, en die alléén door een gezond oordeel en een vaste wil uit de weg geruimd hebben kunnen worden.
De klachten dan, die men thans over het verval van handel en scheepvaart alhier dagelijks verneemt, zijn algemeen en helaas maar al te gegrond. Doch klachten alleen zullen geen verbetering daar stellen, en wanneer men geen handen aan het werk slaat, en tenminste beproeft om te behouden wat nog te behouden, en te herkrijgen wat reeds verloren is, dan zullen die klachten hoe langer zo menigvuldiger worden niet alleen, maar dan ook zullen zo vele schone zowel voor het algemeen welzijn als voor de handel hier nog aanwezig zijnde inrichtingen allengs verminderen en geheel ophouden te bestaan, en dan zal eindelijk de hoofdstad van ons rijk haar aloude roem niet meer vermogen te handhaven. Reeds nu is die roem ten aanzien van haar handel merkelijk ontluisterd. Wij zeggen ten aanzien van haar handel, want ten aanzien van de wijde omvang van haar weldadigheid, mensenliefde en zelfopoffering heeft zij nog kortelings bij de algemene ramp, die ons vaderland getroffen heeft, haar rang en roem schitterend weten te bewaren. (opm: bedoeld zal zijn de grote watersnood van 1825)
De ondergetekenden, hartelijk wensende middelen op te sporen om het kwaad zo mogelijk in deszelfs loop te stuiten en niets vuriger verlangende dan de algemene welvaart wederom enigszins te zien herleven, waartoe ook zij volgaarne al hun pogingen willen aanwenden, hebben hun oog gevestigd op een tak van nationale nijverheid, die hier weleer heerlijk gebloeid heeft, doch waarvan nu bijna geen schaduw meer te vinden is: het is namelijk de scheepsbouw, die zij hier bedoelen. Daar het verder geen tegenspraak lijdt, dat het aantal schepen, hier voorhanden, en die tevens geschikt zijn om grote reizen te ondernemen zeer bepaald en bij de minste herleving van de handel veel te gering en ontoereikend is, zo kwam het de ondergetekenden niet ongepast voor, deze zaak verder te onderzoeken.
Zij hebben dit met alle onpartijdigheid gedaan, en, daar men zich met het grootste recht mag vleien, dat door de bemoeiingen van de nieuw opgerichte Nederlandsche Handel Maatschappij, de vaart op Oost-Indië en China niet alleen zal herleven, maar ook, dat er een nieuwe en belangrijke vaart op de oost- en westkust van Zuid-Amerika staat geopend te worden, zo hebben zij bevonden, dat een scheepsrederij als nu daarmede in verband gebracht een allergunstigst vooruitzicht oplevert.
Het is om die redenen dat de ondergetekenden een ontwerp hebben gevormd, waartoe zij de goedkeuring van het gouvernement reeds hebben verzocht, en volgens hetwelk zij, na ontvangst derzelve, onder hun directie voornemens zijn op te richten een Nederlandse scheepsrederij, dewelke binnen deze stad zal gevestigd worden.
Het doel dezer scheepsrederij zal zich uitsluitend bepalen tot het aanbouwen van Nederlandse schepen van onderscheidene grootte, voor welke onderneming men een kapitaal van ten hoogste één miljoen vijfmaal honderd duizend gulden wenst bijeen te brengen, verdeeld in aandelen van NLG 1.000, ieder, waarvan de betaling op een nader te bepalen wijze en wel bij fournissementen, zal plaats hebben, en omtrent welke aandelen, uithoofde van de noodzakelijkheid om ter voldoening aan de bestaande wetten dezelve op naam te stellen, een gemakkelijke wijze van overdracht bepaald zal worden. Bij de ontworpen reglementen is gezorgd, dat ten spoedigste, zodra er voor genoegzame fondsen ingeschreven is, een aanvang met de aanbouw van schepen zal gemaakt worden, zo als ook, dat de gelden behoorlijk belegd, en met alle mogelijke zekerheid bewaard zullen worden.
Behalve de hier boven aangehaalde voordelen, die aan onze landgenoten het genoegen kunnen verschaffen van zich gelijk te stellen met, ja zelfs zich te verheffen boven onze naburen, in derzelver ontwerpen tot instandhouding en uitbreiding van handel en zeevaart, zo levert onze geprojecteerde rederij ook nog dit vooruitzicht op, zoals zulks uit een met alle onpartijdigheid opgemaakte berekening, bij dewelke alles zeer ruim is genomen, en die dus eerder in dan uit de hand zal kunnen vallen, is gebleken, dat er na aftrek van alle onkosten, reparaties, uitrusting en assuranties enz., menselijker wijze gesproken, een jaarlijkse avance van circa 10% overblijft, te meer, wanneer men daarbij in overweging neemt, dat het gouvernement deze tak van nijverheid bijzonder begunstigd heeft door de toegezegde premie tot aanmoediging van NLG 18 per ton, voor ieder nieuw gebouwd en gekoperd Nederlands schip van 300 Nederlandse tonnen en daar boven, volgens besluit van Z.M. de Koning, in dato 5 oktober 1823.
Overigens gedragen zich de ondergetekenden aan het ontwerp zelve, hetwelk na bekomen approbatie van Z.M. insgelijks bekend zal worden gemaakt, en hetwelk zij aan hun land- en stadgenoten ter deelneming aanbieden; wordende inmiddels de inschrijvingen daartoe bij ieder van de ondergetekenden van heden af reeds dadelijk geopend.
Hartelijk wensen de ondergetekenden, dat hun pogingen onder de Goddelijke zegen met een gewenst gevolg bekroond mogen worden; hierdoor zou tenminste één tak van voorvaderlijke nijverheid wederom ontspruiten, en met dus ook voorvaderlijke welvaart en werkzaamheid allengs opnieuw geboren zien worden.
Amsterdam, 18 maart 1825, Arend Horstman, Petrus Johannes Ameshoff, Willem Otto Berg en
Theodorus Johannes Kerkhoven.
Statuten van de Nederlandsche Scheeps-Reederij, gevestigd te Amsterdam.
Art. 1 Er zal, onder goedkeuring van Z.M. de Koning, een maatschappij opgericht worden,
onder de naam van Nederlandsche Scheeps Reederij, gevestigd te Amsterdam.
Art. 2. De maatschappij zal zich alleen en uitsluitend bepalen tot het aanbouwen, uitrusten en vervrachten van Nederlandse schepen, tot de grootte van 400 lasten of daaromtrent.
Art. 3. Het kapitaal dezer maatschappij zal provisioneel onbepaald zijn, doch zal in geen geval hoger mogen worden gebracht, dan tot een miljoen vijfmaal honderd duizend guldens.
Art. 4. De deelneming geschiedt bij aandelen van NLG 1.000 ieder; te betalen op de wijze zo als door de directie nader bepaald en bij annonce in de Amsterdamsche en Haarlemsche Couranten zal aangekondigd worden, welke aandelen op naam zullen gesteld en afgegeven worden, zullende in deze rederij slechts onderdanen van dit Rijk als deelgenoten kunnen worden toegelaten, ingevolge de wet op de zee-brieven en Turkse passen.
Ter facilitering echter van de overdracht aan een andere zal het genoegzaam zijn, dat de houder dit bij een aantekening indorso van de akte van aandeel gesteld (inhoudende de naam aan wien, mitsgaders de datum wanneer hij hetzelve overdraagt), te kennen geve, mits echter altoos de nieuwe eigenaar de vereisten bij de wet bepaald bezit, zullende alsdan zodanige aantekening volkomen kracht van overgang hebben, zo dat daardoor de nieuwe eigenaar dezelfde rechten verkrijgt, welke de vorige gehad heeft.
Art. 5. Deze maatschappij zal bestuurd worden door de heren Arend Horstman, Petrus Johannes Ameshof, Mr. Wilem Otto Berg en Theodorus Johannes Kerkhoven als directeuren.
Art. 6. De functies van deze directeuren zullen bestaan in het opzicht houden, aanbesteden en bevorderen van al hetgeen nodig is tot de aanbouw van schepen van het bovengemeld charter, mitsgaders tot derzelver uitrusting, het aannemen en weder ontslaan van kapiteins en verdere manschappen, het bepalen van de gages, het vervrachten van de schepen, bepalen van de vrachtpenningen, en voorts van al hetgeen een bijzonder eigenaar van een schip, of een boekhouder, een rederij representerende, verplicht en bevoegd is te doen.
Directeuren zullen, des nodig oordelende, de schepen van de maatschappij mogen verkopen, zo wel uit de hand als publiek. Zij zullen in gevallen van noodzakelijkheid een of meerdere schepen en vrachtpenningen mogen abandonneren. Zij zullen het recht hebben om te transigeren, accorderen, of compromitteren omtrent alle geschillen, die met assuradeurs, leveranciers, schippers, scheepsvolk, bevrachters en andere uit hoofde van de rederij zouden mogen ontstaan. Ook vermogen zij deswegens in rechten op te treden. Geen besluit echter zal genomen worden, dan door de meerderheid, aan dewelke de minderheid zich zal moeten onderwerpen. Directeuren zullen ten koste van de maatschappij een onder-directeur en verdere kantoor-bedienden aanstellen, maar zullen, behalve deze kosten, en die van het kantoor zelve, voor zich niet meer voor provisie mogen berekenen, dan voor allen gezamenlijk 1½% van het bruto bedrag van de vrachtpenningen van de door deze maatschappij gebouwde en uitgeruste schepen, onverschillig of die vrachtpenningen hier of elders zijn verdiend. Directeuren blijven hun leven lang, of zo lang zij zullen verkiezen, in functie. Ingeval van bedanking echter zal diegene, die dit mocht doen, niet dan na de goedkeuring van de lopende rekening en verantwoording ontslagen worden. Ingeval van overlijden, of bedanken van een van de directeuren zal door de overgeblevenen een nominatie van twee deelhebbers gemaakt worden, waaruit door de zo aanstonds te noemen commissie van vijf leden, waarnemende de functies van commissarissen, één tot directeur zal worden benoemd.
Art. 7. Ten einde aan directeuren in zeer bijzondere gevallen gelegenheid gegeven wordt, op een gemakkelijke wijze de belanghebbenden van de maatschappij te raadplegen, zullen jaarlijks, en wel in de maand maart, door hen bij annonce in de Amsterdamsche en Haarlemsche Couranten de gezamenlijke deelhebbers opgeroepen worden om uit hun midden een commissie van vijf leden, bij meerderheid van stemmen te benoemen, die het gehele lichaam van de maatschappij zal vertegenwoordigen, en die een jaar in functie zal blijven, echter telkens weder verkiesbaar zal zijn, en aan welke commissie de directeuren zich alsdan deswegens zullen kunnen wenden, zullende in dit geval het besluit genomen worden bij volstrekte meerderheid van stemmen van deze commissie en directeuren gezamenlijk, waarmede de deelhebbers alsdan zullen moeten genoegen nemen.
Art. 8. Op deze bijeenkomst zal door directeuren aan de gezamenlijke deelhebbers worden gedaan rekening en verantwoording, dewelke door de benoemde commissarissen zal worden geëxamineerd en na akkoord bevinding door ten minste drie hunner namens alle deelhebbers door hun ondertekening worden bekrachtigd, en daardoor de directeuren van hun verantwoording ontslagen.
Art. 9. Zo er onverhoopt omtrent deze rekening en verantwoording kwesties mochten ontstaan, zullen dezelve verbleven worden aan de beslissing van twee arbiters, en wel één door de meerderheid van de commissarissen, en één door de meerderheid van de directeuren te benoemen, met macht van assumptie van een superarbiter.
Art. 10. Op de algemene vergadering in maart, zal door directeuren tevens bepaald worden, hoeveel per aandeel met voorzichtigheid zal kunnen worden uitgedeeld, zullende hieromtrent in het algemeen de regel zijn, dat zo mogelijk 4 à 6% 's jaars bij wijze van intrest zal worden uitgekeerd, terwijl het meerdere voor bijzondere reparaties en onvoorziene gevallen als een reserve fonds in certificaten van Nederlandsche Werkelijke Schuld of inschrijving op het Grootboek zal worden belegd. Wanneer de staat van het reserve fonds zulks toelaat, zal
men ook van tijd tot tijd tot het doen van een extra uitdeling overgaan.
Art. 11. Deze maatschappij wordt opgericht voor de tijd van twintig achtereenvolgende jaren; zullende op de algemene vergadering in maart van het achttiende jaar door directeuren aan de gezamenlijke deelhebbers de vraag worden voorgesteld, of men verlenging van duur van de maatschappij vragen zal, dan wel of men tot een ontbinding zal overgaan, hetgeen door een volstrekte meerderheid van de tegenwoordig zijnde deelhebbers zal moeten worden beslist, wordende ieder aandeel voor één stem gerekend. Zo men besluiten mocht tot de ontbinding over te gaan, zullen directeuren verplicht zijn, de zaken van de maatschappij ten spoedigste en op de meest gepaste wijze te doen aflopen, en de aflossing van de aandelen ponds-ponds gewijze te bewerkstelligen, en ten dien einde ook het vermogen hebben de schepen hetzij uit de hand of publiek, zo als hun dit het beste voorkomt, te verkopen.
Art. 12. De Maatschappij zal aangemerkt worden te zijn opgericht, wanneer er voor zoveel is ingeschreven, dat men met de aanbouw van een schip kan beginnen, blijvende dezelve alsdan verder ter deelneming opengesteld tot de volschrijving van het bepaalde kapitaal van één miljoen vijfmaal honderd duizend guldens. Mochten de inschrijvingen deze som echter te boven gaan, zullen de eerst ingeschrevenen de voorkeur genieten.
Art. 13. De van tijd tot tijd stilliggende gelden zullen door middel van beleningen als anderszins, ten voordele van deelhebbers, op intrest worden uitgezet, zijnde echter alle speculaties, zo wel in fondsen als in goederen, uitdrukkelijk verboden.
Art. 14. Tot kassiers van de maatschappij worden benoemd de Associatie-Cassa te Amsterdam. Aldaar zullen alle stortingen, betalingen en ontvangsten geschieden, en de effecten en beleningen gedeponeerd worden, ten koste van de maatschappij.
Art. 15. Alle betalingen en ontvangsten zullen ten minste door twee directeuren moeten geschieden, en alle stukken, de maatschappij betreffende, door twee hunner moeten worden ondertekend. Bij ziekte of afwezigheid van een of meer directeuren, zullen de overigen, des
nodig oordelende, een van de heren commissarissen kunnen verzoeken, de functie van directeur inmiddels waar te nemen, die dit, zowel als hun overige werkzaamheden, gratis zullen doen.
Art. 16. Directeuren zullen gehouden zijn de eigendommen van de maatschappij behoorlijk te laten verzekeren, voor zo verre zulks mogelijk is.
Art. 17. De af te geven aandelen zullen door ten minste drie van de directeuren getekend moeten worden. Bij elk derzelve zullen twintig kwitanties in blanco worden gevoegd, tegen overgifte van welke, door de houders van het aandeel ondertekend, de uitdeling zal geschieden, zo als die in de couranten zal kenbaar worden gemaakt.
Art. 18. Directeuren zullen zich bij voorkeur tot het doen van leverantiën en het aanbouwen van schepen, of hetgeen anders betrekking daartoe heeft, vervoegen bij zodanige deelhebbers van deze maatschappij, die het beroep uitoefenen van datgene hetwelk vereist wordt, zonder
echter stellig daaraan gehouden te zijn, waaromtrent hun dus de vrijheid gelaten wordt en zijlieden, zo zij beter en voordeliger terecht kunnen komen, dit mogen doen.
Art. 19. Directeuren zijn verplicht als goede huisvaders voor de belangen van de maatschappij met alle mogelijke zorg en ijver te waken zonder echter voor enig evenement, hetzij van hoger macht, of van misdrijf, wandaad, of ontrouw van onderhorigen, hoe ook genaamd, en buiten hun toedoen of medeweten veroorzaakt, aansprakelijk te zijn.
Art. 20. Bij elk aandeel zal een exemplaar van deze Statuten gevoegd worden, tot informatie van de houders.
Art. 21. Deze reglementen zullen, wanneer directeuren termen hiertoe mochten vinden, op hun voordracht en volgens besluit van de meerderheid van de deelhebbers, of van de zulken, die- bij een deswegens te doene convocatie present zullen zijn, onder approbatie van Z.M. kunnen gealtereerd en geamplieerd worden.
(Goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 13 mei 1825.)
Vergadering van deelhebbers in de Nederlandsche Scheepsreederij, gevestigd te Amsterdam.
Den 30 maart 1827 werden gezamenlijke deelhebbers door de heren directeuren van de rederij voor de tweede maal te Amsterdam bijeengeroepen, en uit het te dier vergadering uitgebracht algemeen verslag, zien wij met genoegen, dat heren directeuren niet alleen verklaren, geen tegenspoeden in het afgelopen jaar in hun onderneming ondervonden te hebben, maar in tegendeel zeer tevreden over de uitslag hunner werkzaamheden en gunstige uitzichten voor de toekomst te zijn.
Van de zes schepen, die door de rederij volgens het vorige verslag waren aanbesteed geworden, waren er reeds vijf, te weten het fregatschip de HANDELMAATSCHAPPIJ, kapt. P.H. Willers, het brikschip KLARA HENRIETTA, kapt. J.B. Fuchs, en het kofschip NEDERLAND, kapt. T.H. Klein, de fregatten HELENA, kapt. D. Grimm, en SUSANNA, kapt. P.C. de Roth, afgetimmerd, opgetuigd en uitgerust. De drie eerstgenoemde waren reeds allen in zee, de HANDELMAATSCHAPPIJ en de KLARA HENRIETTA naar Batavia, en het kofschip NEDERLAND naar Londen; de HELENA zou eerlang met een vracht naar Batavia en Canton, en vandaar terug naar Amsterdam, en de SUSANNA, alleen naar Batavia en terug vertrekken; alle die schepen waren door de Nederlandsche Handelmaatschappij, die dus kan gezegd worden de rederij krachtdadig in het bereiken van haar doel te ondersteunen, gehuurd en bevracht geworden.
Het fregatschip de HENRIETTA KLASINA, kapt. S.K. Sipkes, stond tijdens het verslag nog op de helling, maar zou waarschijnlijk in de maand juni aanstaande te water kunnen gaan; terwijl de bouw van een zevende schip, te weten een kof, genaamd WILLEM ERNST, van het charter van 180 lasten, was aanbesteed op de werf de Zwarte Raaf, onder de directie van de scheepsbouwmeester Knol.
Nadat heren directeuren de deelhebberen dit een en ander hadden medegedeeld, gaan zij tot enige financiële opgaven over, betuigende hun leedwezen, dat de sedert het laatste verslag nieuwe inschrijvingen niet aanzienlijker waren geweest, daar deze slechts NLG 50.000 beliepen. Zij vermenen nochtans, dat als de kapitalisten eens van het nut van de rederij door daadzaken overtuigd zullen worden, dat dan aanzienlijke inschrijvingen het reeds bijeengebrachte kapitaal nog merkelijk zullen vermeerderen, en zij voeden de hoop, aangezien de stand van zaken een voordelige uitkomst belooft, dat nog velen door mededeelneming in hunne onderneming hun het doel, dat zij zich voorstellen, zullen willen helpen bereiken, te meer daar zij met gerustheid verklaren, dat de uitkomst ongetwijfeld alles behalve nadelig voor de geldschieters wezen zal.
De hoop, die heren directeuren bij het laatste verslag aan deelhebberen gegeven hadden, dat zij zich vleiden, dat de renten van het uitgezette kapitaal meer dan genoegzaam zouden zijn om de dagelijkse uitgaven, zo mede die van de oprichting van de Maatschappij zelve, uitgekeerde courtages, emolumenten aan de boekhouder, benodigde zegels als anderszins te bestrijden, was volkomen bevestigd, daar ruim NLG 2.200 meer aan renten waren ontvangen, dan alle deze uitgaven te samen genomen.
Er was bij de directie van de rederij voor premies wegens de aanbouw van drie schepen, reeds werkelijk een som van NLG 28.000 van het gouvernement geïnd, zodat de intrest, welke nu laatstelijk tot en met 31 december ll., tegen 4½ pCt. 's jaars aangezuiverd was, moest beschouwd worden als reeds inderdaad verdiend.
Verdere financiële details, die van minder aangelegenheid voor het publiek, dat slechts op resultaten let, kunnen gezegd worden te zijn, worden bij een bijzonder rapport aan belanghebbenden medegedeeld.
Eindelijk berichten heren directeuren, dat ook zij, ingevolge het door het verdienstelijk college Zeemans-Hoop te Amsterdam, geopperd denkbeeld, gaarne enige pogingen hebben willen aanwenden tot het aankweken van nationale matrozen en dat zij dien tengevolge op hunne onderscheidene bodems reeds een twintigtal jongens als scheepsleerlingen hadden geplaatst om onder het opzicht van de kapiteins en stuurlieden tot bekwaam zeevolk gevormd te worden. Deze jongelingen hadden zich met toestemming van hun ouders of voogden voor de tijd van drie jaren in dienst van de rederij verbonden, en komen, behalve de eerste uitrusting, geheel ten haren laste. In de eerste opslag schijnt dit een groot bezwaar, doch hetzelve verdwijnt grotendeels, wanneer men in aanmerking neemt, dat deze leerlingen alleen kost en klederen en geen gage genieten, en daarbij gedurig bekwamer worden, zodat zij, althans in de beide laatste jaren, ruim vergoeden en weder inbrengen, wat zij in het eerste jaar gekost hebben. Deze maatregel, zeggen de rapporteurs, niet alleen door ons, maar ook door vele andere reders en rederijen genomen, heeft een algemene bijval gevonden, hetgeen geenszins te verwonderen is, want niet alleen dat daardoor de lust tot de zeevaart opnieuw aangewakkerd wordt, maar tevens worden vele jongelieden, die anders in lediggang en kwaad doen derzelver tijd zouden doorbrengen, nu tot werkzaamheid aangespoord en tot nuttige burgers van de staat opgeleid.*
Zie daar dan nu, lezers, de aard, de strekking en de toestand van de Nederlandsche Scheepsreederij, opgericht in 1825 te Amsterdam door enige vaderlandslievende burgers, die van hunne zijde datgene hebben willen doen, dat in hun vermogen was, om de bronnen van voorvaderlijke grootheid en voorspoed en van Neêrlands roem onder de gezegende regering van onze geliefde Koning te doen herleven. Hun voorbeeld is door anderen gevolgd, en hierin is veellicht de reden te vinden, dat een onderneming die zo zichtbaar met de dierbaarste belangen van het vaderland in verband staat, die de goedkeuring en medewerking van de Koning mocht ondervinden, en die door de Vaderlandsche Handelmaatschappij zozeer begunstigd is geworden, niet zovele inschrijvingen heeft mogen ontvangen, als waarop zij aanvankelijk meende te mogen rekenen.
Dat de Nederlanders dan van deze gewesten (opm: bedoeld is Nederlands-Indië), die voorzeker even zozeer als hun vaderlandse broeders in de voorspoed en bloei van alle takken van vaderlandse nijverheid hetzelfde belangstellen, zulks door hunne medewerking en deelneming tonen, en alzo een bewijs geven, dat alles wat goed en nuttig is bij hen ijverige voorstanders aantreft. De gelegenheid wordt ons hiertoe aangeboden doordien wij met het verzoek van aan deze inrichting de nodige publiciteit op Java te geven, ook dat ontvangen hebben, van aan allen, die zich genegen mochten tonen om de Nederlandsche Scheepsreederij door hun medewerking te begunstigen, daartoe de gelegenheid aan te wijzen.
Zij die zich dan hiertoe mochten opgewekt gevoelen, en die mochten verlangen in een onderneming te delen, die zozeer strekt om ook haar weldadige invloed in deze gewesten te doen gevoelen, kunnen of aan hun gemachtigden in Europa last geven om, hetzij op naam, hetzij aan toonder een zeker gedeelte acties te nemen, dan wel zich vervoegen bij de heer Kruseman, directeur van 's Lands Middelen en Domeinen, aan wie de belangen van de rederij bijzonder zijn aanbevolen, om nadere inlichtingen te bekomen.
Wij besluiten dat ons bericht, met de vurige wens, dat ook in deze de hoop van het vaderland niet mag worden teleurgesteld, maar dat de Nederlanders van deze streken het hunne zullen bijdragen, om een tak van nijverheid, die voormaals in het land onzer geboorte tot zulk een aanzienlijke hoogte gestegen was, steeds meer en meer te doen herleven.
* Voorwaarden, waarop directeuren van de Nederlandsche Scheepreederij, gevestigd te Amsterdam, leerlingen op de onderscheidene schepen derzelve rederij aannemen.
Art. 1. Op elk van de schepen, varende voor rekening van de alhier gevestigde Nederlandsche Scheepsreederij zal een zeker getal jongelingen geplaatst worden, om onder toezicht van de bevelhebbers van die schepen, tot bekwame zeelieden te worden opgeleid.
Art. 2. Het getal van die leerlingen zal bepaald worden naar de grootte van het schip, zullende men daarbij tot maatstaf nemen, dat voor elke 150 Nederlandse tonnen, één jongeling zal aangenomen worden. Directeuren behouden zich echter voor, hierin naar de omstandigheden te werk gaan, en dit getal naar goedvinden te vermeerderen of te verminderen.
Art. 3. Deze leerlingen zullen moeten zijn:
a. Geboren binnen het Rijk der Nederlanden, of deszelfs Koloniën.
b. Van een gezond en sterk lichaamsgestel.
c. Niet boven de 15 jaren oud.
d. Bekwaam in het lezen en schrijven, zomede in de beginselen van de rekenkunde.
Art. 4. Gemelde jongelingen zullen zich, onder voorkennis en goedkeuring van hun ouders of voogden, schriftelijk verbinden om gedurende drie achtereenvolgende jaren op een van de schepen van gezegde rederij te dienen en te doen al zodanig scheepswerk als de bevelhebbers hun zullen opleggen en overeenkomstig hun krachten en bekwaamheid is. Ook gedurende hun verblijf aan de wal blijven zij onder toezicht en ter beschikking van de rederij, zullende zij bij het stilliggen of de vertimmering van de schepen mede al zodanig werk verrichten, als hun zal worden aangewezen.Directeuren behouden zich altijd voor om, wanneer zij zulks mochten goedvinden, de leerlingen van het schip, waarop zij zich bevinden, op een ander te doen overgaan.
Art. 5. Geen jongelingen zullen worden aangenomen, wanneer zij niet behoorlijk gekleed en uitgerust zijn, nemende de rederij verder voor haar rekening de kosten van onderhoud en kleding, gedurende de tijd dat zij zich verbonden hebben, en in dienst van de rederij zijn. Zij zullen aan de bijzondere zorg en het toezicht van de scheepsbevelhebbers en stuurlieden aanbevolen worden en, hetzij zij zich aan boord hetzij zich aan de wal bevinden, zo zullen zij zoveel mogelijk in de gelegenheid gesteld worden, een werkzaam leven te leiden en zich tevens in zodanige kundigheden te oefenen als hun nodig zijn ten einde gedurig in rang op te klimmen.
Art. 6. De directie behoudt aan zich het recht de aangenomen jongelingen uit haar dienst te ontslaan, ook voor het eindigen van de drie bepaalde leerjaren, wanneer het slecht gedrag van de leerlingen of andere redenen ter harer beoordeling haar daartoe mocht verplichten.
Art. 7. Wanneer gezegde jongelingen na afloop van de bepaalde drie jaren bekwaam zijn om als lichtmatroos te varen, zullen zij daartoe bij voorkeur op de schepen van de rederij aangenomen worden, in welk geval zij alsdan wederom door anderen vervangen worden. Geen van de leerlingen zal onder het gewoon getal van de manschappen van de equipage begrepen zijn.
Art. 8. Er zal door de rederij een register aangelegd worden, waarin de leerlingen niet alleen zullen worden ingeschreven, maar waarin ook volgens het getuigenis hunner superieuren aantekening van hun gehouden gedrag gedurende elke reis zal gehouden worden. Moet dit ten hunnen voordeel zijn, dan zal hun een getuigschrift en klein bewijs van goedkeuring, van wege de directie worden uitgereikt.


21 november 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. J. Tentije, J. Palmboom, G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J. Corver, A. van der Sluijs, J. Boelen en N.J. Lublink, makelaars, zullen, op maandag de 3e december 1827. ’s avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het Y, verkopen: het pinkschipshol, genaamd NEPTHUNUS; het kofschipshol, genaamd JACOBA HENRIETTE; de koornschuit, genaamd LAURENS en eindelijk een aanzienlijk partij scheeps-gereedschappen, bestaande uit ankers, touwen, zeilen, rondhouten, een partij scheeps breeuwwerk, enz. Nader bij notities vermelden en bericht bij de bovengemelde makelaars.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. J.E. Lublink en N.J. Lublink, makelaars zullen op maandag de 3e december 1827, ’s avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het Y verkopen: een extra ordinair welbezeild smakschip, varende onder Hanoverse vlag, genaamd DE VROUW MARTHA, gevoerd door kapitein Hero Addix, lang 21 ellen, 82 duimen; wijd 4 ellen, 70 duimen; hol 2 ellen, 20 duimen, Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars.

RC 221127
Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia voor passagiers het Nederlands eiken gekoperd fregat ARINUS MARINUS, kapt. Jacob Christoph Hahn, hetzelve heeft zeer geschikte ruimte en alle geriefelijkheden om passagiers mee te nemen.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer of bij de kapitein aan boord.
Te Antwerpen ligt in lading naar Rio de Janeiro, mede voor passagiers net Nederlands gekoperd brikschip WILLEM DE EERSTE, kapt. Langhetée om spoedig te vertrekken.
Adres ten kantore van Hudig en Blokhuijzen te Rotterdam.


22 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. Zr.Ms. korvet POLLUX, kapt.-luitenant Eegh, van Batavia komende, laatst van Mauritius, is de 25e september op 35 gr. zuiderbreedte en 19 gr. lengte, oostwaarts koers stellende, gepraaid door kapt. H. Glazener, van Batavia te Helvoet binnen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. Het schip GERHARDINA, kapt. H. de Vries (opm: vermoedelijk buitenlander), met gerst van Libau naar Rotterdam, is, volgens brief van Elseneur van de 18e november, in de Noordzee gezonken en het volk waarschijnlijk daarbij omgekomen; de scheepspapieren zijn bij Ringkøbing op de westkust van Jutland aangespoeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 november. Kapt. C.P. Crook, voerende het schip DIANA, te Malaga liggende, meldt, in dato de 31e oktober, dat aldaar ter rede aangekomen was Zr.Ms. korvet PROSERPINA, kapt.-luitenant W. Tieman, van Algiers, welke quarantaine lag; aan boord was echter alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 november. De 18e dezer is het nieuwe kanaal van Neuzen op Gent op een zeer plechtige wijs geopend.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 november. De 20e , des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis, DE TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Emden.
De 14e dezer is van Vlissingen naar zee gezeild DE JONGE JETSKE, kapt. T.S. Oldendorp, naar de Middellandse Zee; CATHARINA ELISABETH, kapt. T. Wachter, naar Wismar; AURORA, kapt. H. Zuurmeijer, naar Hull; METEORE, kapt. L. de Necker, MATHILDA, kapt. G. van Groenendaal, naar Rio-Janeiro; DE PRINS VAN ORANJE, kapt. J.J. de Meire en SOPHIA DOROTHEA (opm: eerste reis van deze beide brikken), kapt. F. van der Steene, naar Batavia; DE MARIA, kapt. E.R. Borchers, naar Coruña; LIMA PACKET, kapt. B. Harkema, naar Lima en DE KLEINE KLAAS, kapt. A. Tijers, naar Embden.
Te Antwerpen is gearriveerd JOHANNA CORNELIA, kapt. Steeuwen, van Duinkerken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. Tentije, J. Palmboom, G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J. Corver, A. van der Sluijs, J. Boelen en N.J. Lublink, makelaars, zullen op maandag de 3e december 1827, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen:
- het pinkschips-hol, genaamd NEPTHUNUS
- het kofschips-hol, genaamd JACOBA HENRIETTE (opm: zie AC 240827;de zeebrief werd op 20 november geretourneerd ‘zullende hetzelve worden gesloopt’)
- de korenschuit, genaamd LAURENS,
- en eindelijk een aanzienlijke partij scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, rondhouten, een partij scheeps-breeuwwerk enz.
Breder bij notities vermeld en bericht bij de bovengemelde makelaars.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 19 november. Aan deze stad is gearriveerd het schip CORNELIA, kapt. C.J. de Grooth, van Christiaansand met stokvis en traan.


23 november 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris A. Alma te Bergum zal na bekomen autorisatie, op woensdagen den 5 en 19 december 1827, telkens ten een ure na den middag, ten huize van Auke Alles van der Wal te Hardegarijp, provisioneel en finaal, presenteren te verkopen:
- Het Beurtschip, varende van Hardegarijp en Tietjerk op Leeuwarden en terug, met de gerechtheid van het veer, voor zoverre nog bestaande, voorts met zeil en treil, bomen, touwen en al hetgeen daartoe verder is aanbehorend.
- Een Jagtschip met zeil en treil en verder toe en aanbehoren.
- De helft aan ene boot.
Alles liggende te Hardegarijp, behorende tot de nalatenschap van wijlen Gerben Keimpes van der Feer, en op 1 januari 1828 te aanvaarden. (LC 141227 geboden op het beurtschip NLG 1.200)


24 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. Volgens brief van Dantzig (opm: Gdansk), van den 12 dezer, waren aldaar zonder schade terug gekomen de schepen de VROUW GEERTRUIDA, kapt. R.C. Jaski, en de JONGE ALIDA, kapt. H. Brinkman, beiden van Dantzig naar Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 23 november. Aan deze stad zijn gearriveerd de schepen de TREKVOGEL, kapt. H.T. de Jong, van Embden met klipzout; de JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, en NEPTUNUS, kapt. W.A. Backer, beiden van Marennes met zout.


27 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Antwerpen ligt in lading naar Batavia het Nederlands fregatschip FORTITUDE, kapt. D.J. Bulsing om in de loop van december te vertrekken. Dit schip heeft uitmuntende inrichtingen ter overbrenging van families en passagiers.
Adres bij J.B. Fleurij; scheepsmakelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 november. Te Antwerpen zijn gearriveerd HENRIETTE, kapt. Kraaft, van Bordeaux en ZELDENRUST, kapt. Kluin, van Riga.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 26 november. Aan deze stad is gearriveerd het schip JOHANNA GEERTRUIDA, kapt. P. Pybes, van Marennes met zout.


29 november 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Op Texel zijn aan strand gespoeld 20 noordse balken en 7 fusten traan, gemerkt A, daaronder L en er naast H; C, daaronder A.
Dewijl er vaten traan van het laatstgenoemde merk afgeladen zijn geworden met het schip (opm: kof) DE TWEE VRIENDEN, kapt. D.R. Dirks, de 6e oktober van Hull naar Amsterdam vertrokken, is het zeer waarschijnlijk dat hetzelve totaal zal verongelukt zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. De 6e dezer is op Ameland verongelukt een, waarschijnlijk Nederlandse, kof of smak, zo men vreest, met al het volk. Aldaar zijn de volgende dag aangedreven circa 400 Noordse balken, benevens enige stukken wrak van een nieuwe kof.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Het schip HERCULES, kapt. W.H. Poelman, van Amsterdam naar Windau, is de 4e dezer bij het inzeilen der haven van Windau gestrand en totaal verongelukt; het volk is gered en men hoopte ook een gedeelte der vleet te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Volgens brief van kapt. Johannes Hulsen jr., voerende het schip WILHELMINA, van Amsterdam naar Suriname, in dato de 18e dezer, was hij toen, na vier dagen met goed weer in de Noordzee gekruist te hebben, in goede staat en aan boord alles zijnde, op de hoogte van Zuid Voorland (opm: South Foreland) zeilende. De vorige dag was bij hem kruisende geweest het schip (opm: pink) de VRIENDSCHAP, kapt. C.J. Kat, mede van Amsterdam naar Suriname.
Het schip MATHILDA, kapt. G. van Groenendaal, van Antwerpen naar Rio-de-Janeiro, was de 18e dezer op de hoogte van Douvres en het schip (opm: kof) NIEUWE UNION, kapt. J. van den Broecke, van Londen naar Antwerpen, is de 22e dezer te Douvres binnengelopen.
Het schip LOUISA, kapt. D. Guit, van Rotterdam naar Guernsey, is de 19e dezer te Deal binnengelopen en heeft dadelijk de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 november. Het schip DE TWEELINGEN DANIEL EN WILCO, kapt. J.G. Wiersma, van Amsterdam naar Cette is, volgens brief van Londen van de 20e dezer, in de banken voor de Theems bezet geweest, doch door vissers weder in het vaarwater gebracht en heeft sedert de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 november. De 27e, des morgens, arriveerden te Helvoetsluis DE JUFVROUW JEANNETTE, kapt. B.J. Groothuis, van Dramme; ELIZABETH EN CORNELIA, kapt. J. Parlevliet, van Marennes.
De 27e, des morgens, arriveerde in de Maas CONCORDIA, kapt. D.H. van Rijk, van Rouaan.
De 27e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis HARMANUS, kapt. H.A. Jongebloed, van Bordeaux; CAROLINA, kapt. J. Westerborg, van Reval en DE JONGE ALIJDA, kapt. A.G. van Berkel, van Bilbao.
Te Antwerpen is gearriveerd HENDRIKA, kapt. Harding, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.E. Lublink en N.J. Lublink, makelaars, zullen op maandag de 3e december 1827, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen: een extra ordinair welbezeild smakschip, varende onder Hannoverse vlag, genaamd DE VROUW MARTHA, gevoerd door kapt. Hera Addix, lang 21 ellen 82 duimen, wijd 4 ellen 70 duimen, hol 2 ellen 20 duimen Nederlandse maat. Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaars.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 26 november het schip (opm: fregat) HARRIET, kapt. G.L. Buijsman, den 13 juli vertrokken van Antwerpen, en den 28 november de brik JONGE JACOBUS, kapt. P. Vis, met twee passagiers, vertrokken van Rotterdam den 14 juli.


30 november 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoping te Delfzijl op woensdag de 5e december 1827, voordemiddags te 11 uren, ten huize van de weduwe Smaal, van 12.000 beschadigde stokvissen, gelost uit het kofschip DE JONGE ISABELLE, gevoerd door de kapt. H.B. Drenth, op de reis van Noorwegen naar Brussel, te Delfzijl binnen gebracht (opm: zie RC 171127).
Nader te bevragen ten kantore van den heer P. Stratingh, commissionair te Delfzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een geoctrooieerde Veerschip, varende van de Lemmer op Gorredijk vice versa. Te bevragen bij Jan Gurbus de Wind, te Lemmer.


01 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading, naar Nantes, het Nederlandse schoonerschip DE HOLLANDER, kapt. Hendrik van der Kolff, om binnen weinige dagen te vertrekken. Voor hetzelve kan geen kaas aangenomen worden, maar enige lasten zware goederen, als ijzer, staal, loodwit en andere dergelijk, welke weinig plaats behoeven. Vrachtvrij.
Adres ten kantore van Kuijper, van Dam en Smeer.
Naar Newry, het Nederlandse kofschip ONVERWAGT, kapt. Cornelis van der Kolff.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 november. De 28e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis MARIA CLASINA, kapt. S.H. Hooghout, van Marennes; DE GOEDE VERWACHTING, kapt. B.S. Stoffels, van Drontheim; DE VOLHARDING, kapt. L. Teunis, van Bordeaux; DE HOLLANDER, kapt. H. van der Kolff, van Marseille en CLAZINA EN DIRKJE, Kapt. C. Schilperoord, van St. Ubes.
De 30e, des morgens, zeilden van Helvoetsluis DE VROUW MARIA, kapt. A.M. Noorbeek, naar Batavia; DE WILLEM, kapt. M. Schaap, naar de Kaap de Goede Hoop; PROTECTION, kapt. M. Lansing, naar Virginia.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild EMANUEL, kapt. J.S. Terkelsen, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Volgens brief van kapitein A.J. Struik, voerende het schip PAULINA, den 14 november uit Texel naar Suriname gezeild, is hij van den 17 tot den 19 dito, uit hoofde van tegenwind, voor Margate ten anker geweest, doch heeft als toen de reis met ene goede gelegenheid vervolgd.


  DC - Dordtsche Courant

Den 26 dezer is te Texel aangekomen het schip ABEL TASMAN, kapt. Dirk Foppes Baas, hetwelk den 14 augustus Batavia verlaten had. Met hetzelve zijn brieven ontvangen tot den 13 augustus, in welke gemeld wordt, dat, sedert de laatste berichten, te Batavia aangekomen waren de schepen: NEERLANDS KONINGIN en WILHELMINA, van Rotterdam, DIANA van Antwerpen en PRINS VAN ORANJE (opm: fregat) van Amsterdam; alle met troepen. In het laatstgenoemde schip was een gedeelte der expeditionnaire troepen overgebracht, welke zich aan boord van de WASSENAAR, hadden bevonden. Deze vier schepen waren voor rekening van de Nederlandsche Handel-Maatschappij bevracht. Met de WILHELMINA was in goede welstand aangekomen de luitenant-kolonel Nahuys, die, bij het vertrek der berichten, op het punt stond, naar de binnenlanden te verreizen.


04 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 december. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen Zr.Ms. oorlogskorvet POLLUX, kapt.-luitenant Eeg, van Batavia, laatst van Mauritius.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 december. Het schip DE VROUW HENDRINA, kapt. K. van den Oever, van Londen naar Antwerpen is, na een vreselijke storm doorgestaan te hebben, waarin de equipage onderscheidene malen gereed was hetzelve met de boot te verlaten, in de avond van de 24e november met verlies van een anker en touw enz. te Ostende binnengelopen; de 26e dito zou men een begin maken met lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 december. Het schip ELIZABETH KATARINA, kapt. A. Neuman, van Amsterdam naar Drammen is, volgens brief van de 11e november, te Risörbank, een mijl van Mandal, met verlies van anker, touwen, zeilen en met ontramponeerde takelage, door hulp van loodsen en boegseerboten binnengebracht, na in de nacht tussen de 1e en 2e november in groot gevaar te zijn geweest van op de Jutse kust te stranden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 december. Volgens brief van kapt. J.R. Platte, voerende het Nederlands schip DE VRIENDSCHAP, van Antwerpen te Zante (opm: Zakynthos) gearriveerd, in dato Zante de 10e oktober, was hij de 3e dito op de hoogte van Kaap Passato door een Griekse rooverbrik van de gehele lading, alsmede van al het nieuwe touwwerk en andere goederen, hij zelve van zijn horologie en het volk van enig goed, beroofd geworden; hij moet 25 dagen quarantaine houden, doch zou niet te min een begin maken met laden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 december. De 30e passato, des morgens zeilden van Helvoetsluis DE VROUW MARIA, kapt. A.M. Noorbeek, naar Batavia; DE WILLEM, kapt. M. Schaap, naar de Kaap de goede Hoop; PROTECTION, kapt. M. Lansing, naar Virginia.
Van Helvoetsluis wordt van de 1e gemeld dat de twee schepen welke in het gezicht waren, zijn DE VROUW JOHANNA, kapt. W. Legoord, van Lissabon en HESPERUS, kapt. P.H. Mulder, van Marennes en dat MARIA EN ADRIANA, kapt. J. Parlevliet, op de haven gekomen is.
Nog arriveerde na posttijd de 1e, des namiddags, Zr.Ms. transportschip ZEEMEEUW, luitenant.t.zee Volmer.
De 30e passato, des namiddags, zeilde uit de Maas DE ST. ANTHONIE, kapt. H.E. Jongbloed, naar Bordeaux. De 1e, des namiddags, arriveerde DE VROUW MAARTJE, kapt. J. Spanjersberg, van Lissabon.
De 3e, des morgens, zeilde van Helvoetsluis AGENORIA, kapt. W. van der Kolff, naar Suriname.
De 2e dezer zeilden van Brielle DE ONDERNEMING, kapt. N. Rooderkerk, naar Cette; HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk en DE VROUW MARGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, naar Lissabon, DE WISSELVALLIGHEID, kapt. W. van Noord, naar Messina.


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad is gearriveerd het schip MARIA CLASINA, kapt. S.H. Hooghout, van Marennes met zout.


  BC - Bataviasche Courant

Te Batavia is gearriveerd den 30 november het schip JOHANNA ELISABETH, kapt. M. Mesdagh, den 19 augustus vertrokken van Antwerpen.


  BC - Bataviasche Courant

Nederlandsche Scheepsreederij, gevestigd te Amsterdam. Nadat deze Vaderlandse inrichting tot stand was gebracht, werd door de heren directeuren op de 29 maart 1826 een algemene vergadering van de gezamenlijke deelhebbers van de maatschappij bijeen geroepen, ten einde het verslag aan te horen van de verrichtingen gedurende het afgelopen jaar en van de toenmalige staat, waarin de zaken van de maatschappij zich bevonden.
Uit dat verslag, dat gedrukt en aan alle belanghebbenden rondgezonden werd, blijkt, dat, nadat de door de heren directeuren ontworpen statuten, zo als zij in ons blad van den 20 november zijn overgenomen, bij Koninklijk Besluit van den 13 mei 1825 waren goedgekeurd, en Z.M. goedgunstig voor hoogst deszelfs privérekening ter deelneming in de rederij de aanzienlijke som van NLG 50.000 had toegezegd, zij, directeuren, overgegaan waren, om achtereenvolgens de aan hen krachtens art. 6 van de statuten gegeven faculteit de heer P.F. Wegener, oud- kapitein te Amsterdam, tot hun onder-directeur aan te stellen, om hen in het praktisch gedeelte van hun werkzaamheden te ondersteunen, en door zijn ondervinding en kunde met raad en daad voor te lichten.
Dat, na alvorens met enige scheepsbouwmeesters te hebben geraadpleegd, zij overgegaan waren tot de aanbesteding van de aanbouw van een zestal schepen, waarvan wij de opgave hier laten volgen, niet alleen van derzelver namen, maar ook van derzelver charter, soort, scheepstimmerwerven, waar dezelve gebouwd worden, en eindelijk ook de namen van de kapiteins of bevelhebbers, door hen aangesteld, om derzelver bouw te surveilleren, en om deze bodems daarna te voeren:
No. 1 - HELENA, fregat, 460 à 470 lasten, werf de Haan alhier, scheepsbouwmeester de heer J.R. Boelen, kapitein D. Grim.
No. 2 - SUSANNA, fregat, 230 lasten, dezelfde werf en scheepsbouwmeester, kapitein P.C. Roth.
No. 3 - HENRIETTA CLASINA, fregat, 440 à 450 lasten, werf Zwarte Raaf alhier, scheepsbouwmeester de heer J. Knol, kapitein S.K. Sipkes.
No. 4 - CLARA HENRIETTA, brik, 160 à 170 lasten, werf De Schol alhier, scheepsbouwmeesters de heren Haring Booij en Zonen, kapitein J.B. Fuchs.
No. 5 - DE HANDELMAATSCHAPPIJ, fregat, 300 lasten, werf Zwarte Raaf alhier, scheepsbouwmeester de heer J. Knol, kapitein P.H. Willers.
No. 6 -NEDERLAND, kof, 150 à 160 lasten, werf De Vigilantie, aan de Joure, scheepsbouwmeesters de heren Geerts en Zoon, kapitein J. Sipkes.
Dat van de aanbouw van alle die schepen dadelijk aan het gouvernement was kennis gegeven, ten einde na derzelver voltooiing aanspraak te kunnen maken op de vanwege het zelve uitgeloofde premie.
Dat, met het bestuur van de Nederlandsche Handel Maatschappij in briefwisseling getreden zijnde, heren directeuren van de rederij de toezegging bekomen hadden, dat, na de voltooiing, de vier fregatten no. 1, 2, 3 en 5 gebruikt zouden worden door gezegde handelmaatschappij voor twee achtereenvolgende reizen naar Oost Indië en China, en de brik no. 4, mede voor twee achtereenvolgende reizen naar Zuid Amerika. Dat omtrent het kofschip no. 6 nog geen bepaling was vastgesteld, maar dat het nochtans geen twijfel leidde of het zou voordelig, het zij naar de Middellandse- of Oostzee, kunnen bevracht worden.
Wijders berichten heren directeuren aan de belanghebbenden, dat men met de aanbouw van alle opgenoemde schepen reeds meer of minder gevorderd was (in 1826) en dat zij de hoop koesterden, dat in dat zelfde jaar het fregatschip DE HANDELMAATSCHAPPIJ, het brikschip de CLARA HENRIETTA en de kof NEDERLAND, en de drie overige schepen in het daarop volgende voorjaar, naar zee zouden kunnen gaan.
Eindelijk traden heren directeuren van de scheepsrederij in de ontwikkeling van enige bijzonderheden, die deelhebbers even zo zeer als ons de overtuiging hebben gegeven, dat de belangen van de rederij niet beter kunnen behartigd worden, dan door heren directeuren, die in de wijze en doelmatige schikkingen, die zij genomen hebben, een sprekend bewijs hebben gegeven van hun geschiktheid tot het bestuur en het beheer van de onderhavige maatschappij. Bij de hierboven gezegde details, gaven heren directeuren, na alvorens te hebben gerapporteerd, dat alle de op de onderscheidende werven staande schepen van de rederij tegen gevaar van brand waren verzekerd, ook nog enig bericht van de staat van de inschrijvingen op deze onderneming, en daardoor bleek, dat er reeds voor een bedrag van ruim NLG 600.000 was ingeschreven, waarop er reeds 45% ontvangen was. Heren directeuren hadden dat gedeelte, waarvan nog geen dadelijk gebruik was gemaakt, op interest uitgezet en vleiden zich, dat de renten van het uitgezette kapitaal veel meer dan genoegzaam zouden zijn, om de dagelijkse onkosten, zo mede die van de oprichting van de maatschappij zelf, courtages, emolumenten aan de boekhouder, benodigde zegels, als anderszins, te bestrijden. Deze verzekering aan deelhebbers gevende, dat zij heren directeuren de overtuiging hadden, dat er geen administratie van zulk een omvang kon gevonden worden, waarvan de onkosten zo weinig bedragen, dan die van de rederij.
Gaarne hadden heren directeuren gezien, dat het bepaalde kapitaal dadelijk geheel was volgeschreven, ten einde daardoor hun hoofddoel (verspreiding van algemene welvaart), des te eerder te kunnen bereiken, maar zij vleiden zich, dat de tot dus verre ingeschreven som nog wel zou vermeerderd worden met nieuwe inschrijvingen, dewijl geldschieters op geen solider wijze hun geld konden uitzetten, daar alle de schepen en derzelver toebehoren voor de gedane en nog te doen fournissementen verbonden blijven.
Het eerste verslag werd besloten met de verkiezing van vijf heren commissarissen uit de deelhebbers, ingevolge artikel 7 van de statuten, zijnde de keuze gevallen op de heren Mr. A.G. van Meurs, Mr. P.S. Dedel, M.G. Bibers, B. de Burlett en J.H. Fraissinet, die zich allen die keuze hebben laten welgevallen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op woensdag de 12edecember 1827 zal, door de Strandvonder van Ameland bij publieke veiling en gerede gelden aan de meestbiedende, worden verkocht het geborgen tuigage, bestaande in 2 zware ankers, werpanker met ijzeren stok, een eind ankertouw, verder enig gekapt touwwerk, een marszeil, een fok, een rondhout, twee pompen enz., alles herkomstig van het in de nacht van de 31 oktober ll., op voornoemd eiland, gestrande Engelse brikschip THE HOPE, gevoerd geweest door kapt. Robbert Alder. Wie gading maken, komt op voorgeschreven tijd, des morgens ten 9 ure, in den dorpe Ballum op Ameland, in het Pakhuis aldaar.


05 december 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Texel, 3 december. De ondergetekende kapitein-luitenant ter zee, commanderende Zr.Ms. korvet POLLUX, met verwondering gezien hebbende in de Amsterdamsche Courant van de 21e november ll., n°. 275, (artikel Scheeps-Tijding) dat de 25e september jl. op 35 graden z.b. en 19 graden lengte, zou gepraaid zijn Zr.Ms. korvet POLLUX, oostwaarts koers stellende; vindt zich verplicht dit rechtstreeks te ontkennen, terwijl op die datum, de POLLUX op de rede van St. Helena ten anker lag en dat bovendien door dezelve geen schip hoegenaamd in die streken is gepraaid, als alleen het Engelse oorlogsschip THE HERALD.
Aan boord Zr.Ms. korvet voornoemd, ter rede Texel, de 2e december 1827, de kapitein-luitenant voorn., E.E.G.


06 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Bordeaux het Nederlandse hoekerschip COENRAAD EN HENDRIK, kapt. Dirk Maarten Noordhoek.
Adres ten kantore van Kuijper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 december. Op de Helens liggen zeilree, om eerdaags te vertrekken, de schepen KATARINA ELIZABETH, kapt. D.B. Lutjes, naar Java en ZEEMANS HOOP, kapt. P. Kraaij, naar Batavia, zijnde de laatstgemelde gereed zijn troepen aan boord te nemen.
Het schip ADRIANA CATS, kapt. J.S. Bakker (wijlen D.S. Manje), van Riga naar Amsterdam, is de 27e november de toren van Terschelling W.Z.Z. naar gissing 3 mijlen van zich hebbende, gepraaid door de loodschipper K. Molenaar, die toen met W.Z.W. wind beneden het Gat van Terschelling was.
Volgens rapport van kapt.-luitenant Eegh, commanderende Zr.Ms. oorlog-korvet POLLUX, van Batavia in Texel binnen, was het schip NOORD-HOLLAND, kapt. H.K. Ruijl, van Suriname naar Amsterdam, de 12e november, een weinig aan de westzijde der Azorische eilanden, in goede staat zeilende; aan boord alles wel.
Kapt. R. de Haan, van Bordeaux te Antwerpen gearriveerd, heeft de 20e november op 49 graden 58 minuten noorderbreedte, gezien een schip, tonende de vlag van het kollegie Zeemans Hoop, met n.° 85 (zijnde die van kapt. C. Pakes, voerende het schip ELIZABETH, de 14e dito uit Texel gezeild naar de Kaap de Goede Hoop en Batavia) en de volgende dag, op de hoogte van Lezard, een schip met troepen, tonende de Rotterdamse vlag met n.° 31, zijnde die van kapt. M.A. Jacometti, voerende het schip ANTONIE, van Helvoet mede de 14e dito naar Batavia vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 december. Het Nederlandse schip DE TWEE GEZUSTERS, kapt. H. Gerdes, van Bremen naar Amsterdam is, volgens brief van Dokkumerzijl van de 23e november, tegen betaling van zwaar loodsgeld, met verlies van ankers, zeil en zwaard in het Vriesche Gat binnengekomen en, daar het schip en de lading overigens in goede staat waren, zonder reparatie de reis binnendoor voortzetten, te welke einde men hetzelve reeds verzegeld had en een waker aan boord was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 december. Het schip DER LÖWE, kapt. C. Pieper, met gerst en lijnzaad van Riga naar Amsterdam, is volgens brief van Cuxhaven van de 22e november, aldaar wegens stormweer met omvergeworpen lading binnengelopen.
Het schip VERHILDERSUM, kapt. J.C. Visser, van Koningsbergen naar Amsterdam, te Cuxhaven binnengelopen heeft volgens brief van daar, in dato 28 november, die dag de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 december. Het schip (opm: tjalk) DE VROUW NEELTINA, kapt. H.H. Top, van Heiligenhafen naar Amsterdam, heeft op de Eider gestoten, is daardoor lek geworden en te Tonningen (opm: Tönning) binnengelopen, alwaar de lading gelost en het schip op de helling gehaald zou worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 december. De 3e, des namiddags arriveerde te Helvoetsluis ATLAS, kapt. J.S.
Flett, van Zante.de 4e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis DE VRIENDSCHAP, kapt. J. van Gelderen, van Malaga; AMALIA, kapt. J. Sirck, van Lissabon; NOORDSTAR, kapt. E.G. Boekhout, van Marennes
Te Antwerpen zijn gearriveerd NIEUWE UNION, kapt. Broeke, van Londen; MARIA ADOLPHINA, kapt. Haverbult, van Marseille.


07 december 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op vrijdag de 21e december 1827, des avonds te 6 uren, zal door een daartoe bevoegd ambtenaar ten huize van Berend Edes Brouwer te Nieuwe Pekela te koop worden gepresenteerd een welbezeild kofschip, genaamd DE JONGE KORNELIUS, groot 80 roggelasten, liggende te Dordrecht, gevoerd door kapt. Hindrik H. Koster, van de Nieuwe Pekela, bij wien, en ten huize van verkoop, de inventaris te lezen is.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De secretaris Mr. J.H.J. van Wageningen, te Jellum, zal, ten overstaan van den notaris J. Kamminga Boltjes, te Jorwerd, op woensdag 12 december e.k., bij provisionele toewijzing, en op maandag den 24 december daaropvolgende bij den finale palmslag, telkens des namiddags ten twee uren, ten huize van Douwe Tjerks Douma, herbergier te Oosterwierum, publiek bij strijk en verhoog geld, presenteren te verkopen de gerechte helft van het geoctrooieerde Veer en Beurtschip, varende van Oosterwierum op Leeuwarden en Sneek en vice versa, met zeil en treil, kleden, kloeten, haken en al het verder toe en aanbehoren, zodanig als die thans bij de eigenaars Ate Gerlofs Feijens en vrouw wordt gebruikt, en op de 12 mei 1828 vrij te aanvaarden.


08 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 december. Het schip DE JONGE GRIETJE, kapt. E.H. Drijfhout, van Husum naar Rotterdam, is de 28e november te Bremen binnengelopen.
De evers DE TWEE GEBROEDERS, kapt. V. Pieper Clausz en ANNA MARGARETHA, kapt. S. Okkelman, beide van Amsterdam naar Hamburg, waren, volgens schippersbericht, de 29e november op de Elve, bij de rode ton, liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 december. Het schip CATARINA ANNA HELENA, kapt. P.H. Bos, van Amsterdam te Suriname gearriveerd, heeft, volgens brief van de 30e september, op deszelfs reis een insurgente kaper aan boord gehad die de kapitein veel boter, Rijnse wijn, seltser-water en andere provisies ontnomen en daardoor een wisselbrief van 45 daalders, op Laguaijra (opm: La Guaira) getrokken, afgegeven heeft; aan boord van de kaper waren veel gevangen Spanjaarden, die men kapt. Bos wilde medegeven, hetwelk deze echter, onder voorwendsel van geene genoegzame provisie te hebben, heeft geweigerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 december. Te Suriname zijn aangekomen Zr.Ms. paketbrik SIRENE, luitenant Klein, van Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 december. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild HENDRIKA, kapt. J. Wolters, naar Hull en ANNA MARGARETHA, kapt. Th. Jansen, naar Leith; DE AREND, kapt. H. Elbring, naar Londen; L’INTRÉPIDE. kapt. J.C. Kleinod, naar Lissabon.
Te Antwerpen zijn gearriveerd GEZINA, kapt. Veen, van Marennes en FORTUNA, kapt. Scholberg, van Marseille.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 december. Van Mauritius meldt men, dat de Nederlandse schoener DE SWIFT, kapt. Sijmons, van Singapore naar Bourbon (opm: Réunion), de 30e juni, 3 mijlen bezuiden van Rodrigues, op een rif is gestoten en totaal verongelukt. Slechts een anker en een kettingkabel zijn geborgen. Dertien man van de equipage en een passagier, de heer Moyroux, een koopman van Marseilles, zijn hierbij omgekomen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 7 december. Aan deze stad is gearriveerd: het schip de NOORDSTAR, kapt. E.G. Boekhout van Marennes met zout.


11 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 december. Kapitein R. C Jaski, voerende het schip (opm: kof) de VROUW GEERTRUIDA, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, meldt van Rendsburg van den 3 dezer, dat hij, na tweemaal tot op de hoogte van Falster te zijn geweest, te Rendsburg terug gekomen en in het ijs vast liggende was; met hem lagen aldaar elf schepen, waaronder die van de kapiteins Hazewinkel, A.T. Steffens, J.A. Panjer en H. Brinkman. (opm: zie voor vertrek RC 190228)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 december. De 8e, des morgens, is op de haven van Helvoetsluis gekomen het schip DE BLIJDE INKOMST, kapt. T. Beniest en des middags arriveerde ROTTERDAM, kapt. J. Laming, van Londen.
De 7e, des avonds, arriveerde in de Maas DE DIANA, kapt. E.R. Huisman, van Dartmouth.
Te Helvoetsluis is de 10e, des morgens, AGENORIA, kapt. H. van der Kolff op de haven gekomen.
Te Middelburg is gearriveerd het brikschip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. J.F. Scharper, van Demerarij.
Te Antwerpen zijn gearriveerd POTOMAC, kapt. Condrij, van Batavia; VENUS, kapt. Doveij, van Rio-Janeiro; LEEUW, kapt. Verbrugge, van King’s Lynn.


  DC - Dordtsche Courant

Gisteren avond omstreeks half 12 ure heeft een tjalkschip, met steenkolen uit Brabant komende, op het veerhoofd van Zwijndrecht, toen onder water staande, een zwaar lek gestoten, en is onmiddellijk daarop, niet ver van daar, gezonken. De manschap is gelukkig door de veerlieden gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris G.T. de Jongh, te Gorredijk, zal op donderdag den 13 december, des voormiddag precies ten 9 uren te beginnen, ten sterfhuize van wijlen Theunis Lykles van der Werf, in leven Mr. scheepstimmerman te Gorredijk, publiek bij boelgoed presenteren te verkopen een aanzienlijke inboedel, bestaande onder anderen in: kabinet, kast, pulpitums, 3 klokken, 3 bedden met derzelver toebehoren, tafels, spiegels, schilderijen, stoelen, glazenkasten met het daarin aanwezige porselein, messen, lepels, vorken, koper, tin, ijzer, glas en aardewerk, mans- en vrouw kleren, bed dekens en lakens, mans- en vrouw hemden, en wat verders tot een complete inboedel hoort. Voorts ene grote partij geschilde eikenbomen, dito palen, kromhout, oplangers, een scheepsanker, enige percelen sloophout, oud brandhout, ene aanmerkelijke kwantiteit eiken wagenschot in soorten, oud ijzer, scheepsblokken met en zonder beslag, schijven, roeren, zweerden, luiken en kappen, zeven kleine en twee grote ladders, oud touw, kapspannen, spaanmat, en wat alsdan meer ten voorschijn zal worden gebracht.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. J. Hanekuijk, notaris te Harlingen, zal op woensdag den 19 december 1827, des avond ten 5 uren precies, ten huize van den logementhouder J. Meijer aldaar, publiek verkopen een hol van een brikschip, genaamd BERTHE OLINE, liggende in de Zuiderhaven, bij de Weeshuisstraat te Harlingen; nadere informatie te bekomen ten kantore van de heren Hubert Jans & Comp. aldaar en van den opgemelde notaris. (opm: mogelijk is dit hetzelfde schip als in de advertentie in de LC 261027 reeds werd geannonceerd)


13 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 december. De 10e, des avonds, arriveerde in de Maas BUITEN
VERWACHTING, kapt. C. van der Plas, van Londen.
De 11e, des namiddags, arriveerden te Helvoetsluis LOUISA, kapt. D. Guijt, van Jersey.
De 12e, des morgens, zeilden van Den Briel DE VROUW MARGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, naar Lissabon; DE WISSELVALLIGHEID, kapt. W. van Noord, naar Messina.
Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen en naar zee gezeild DE AREND, kapt. H. Elbring en L’INTRÉPIDE, kapt. J.C. Kleinod, naar Lissabon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. Het schip SARA, kapt. O.M. Schol, met traan, staal, ijzerwerk, katoenen garens, wollen, enz. van Hull naar Antwerpen, de 6e dezer als bijlegger binnengekomen, is op de Zuidwal geraakt en heeft een loodschuit en volk, op goede mannen zeggen, aangenomen; de lading werd in een lichter beschadigd gelost en zou naar de haven van Texel gebracht worden, alwaar men ook hoopte, het schip weder vlot zijnde, binnen te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. In de storm van de 31e oktober zijn, blijkens de merken der langs de Hollandse kust aangespoelde tonnen traan, nog totaal verongelukt de schepen (opm: beide buitenlander) DE VROUW HELENA, kapt. D. Daniels, van Hull naar Leer en DE VROUW CHRISTINA, kapt. R.H. de Boer, van Hull naar Embden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. In de nacht tussen de 7e en 8e dezer en de daaropvolgende dag zijn langs de kusten van Texel en Den Helder aangedreven 70 a 80 Oostzeese vierkante balken, waarop geritst (opm: met een gutsmes ingekerfd) RSWG LAI & SR, BJRLEH, JD, CEC, SEZ, DBR, SI & L, AX, alsmede nog op Texel enige Oostzeese planken, een fust brandewijn, waarvan het merk nog onbekend is, enig wrakhout en een stuk dek. Wijders zijn ter zelfder tijd aan Den Helder enige vatjes boter opgevist, gemerkt AR, IM, daaronder G,H en daarin G, AK, een ruit, waarboven een streep met 4 en daarnevens IG en AG; en op Texel nog zestien vatjes boter, waarvan zes op de bodems met zwarte verf gemerkt H met een G daarin, n.° is 405, 414, 445 en van drie het nommer onzichtbaar, voorts alle op derzelver bodems VB n.° is 3, 8, 9, 94, 95 en 96, een HK n.° 19 en een met een ruit, waarboven een streep met 4 en daarnevens HC in elkander, alles vreemde fust en ook vreemde boter, zo het schijnt Ierse; welke goederen, hetzij geheel of ten dele, verondersteld worden afkomstig te zijn van een vermoedelijk op de Haaks van Texel verongelukt schip; van de manschap had men nog niets ontdekt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. Op Vlieland zijn in de nacht tussen de 7e en 8e dezer aangedreven acht vaten traan, gemerkt R in een driehoek, alsmede een stukje van een spiegel, waarop NORFOLK OF LONDON, mitsgaders enige Oostzeese balken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. Het schip VERHILDERSUM, kapt. J.C. Visser, met rogge en tarwe van Koningsbergen naar Amsterdam, laatst van Cuxhaven is, volgens brief van Delfzijl van de 7e dezer, dien dag aldaar lek, met verlies van zeilaadje en onder aanhoudend pompen, binnengelopen; hetzelve was reeds bezig met lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. Het schip DER LÖWE, kapt. C. Pieper, van Riga naar Amsterdam, reeds gemeld te Cuxhaven binnen, heeft van daar de reis voortgezet, doch is door zware stormen overvallen en lek, met verlies van anker en touw en andere zware schade, tegen betaling van extra loodsgeld, op nieuw te Cuxhaven binnengebracht; moet lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 december. Van Tonningen wordt de 2e dezer gemeld, dat de 30e november ruim veertig schepen, grotendeels naar Hollandse havens bestemd, van daar vertrokken waren; sedert had het zwaar gestormd en ook gevroren, zo dat men zich over dezelve verontrustte. Destijds lagen aldaar, onder meer anderen, in de haven en zouden, bij aldien de vorst aanhield, overwinteren de schepen BERBERDINA, kapt. E.P. Drent, van Bandholm; DE VROUW CATHARINA, kapt. J.B. Mulder en DE GOEDE HOOP, kapt. D.H. Puister, van Heiligenhaven, alle drie naar Amsterdam; FENNIGINA, kapt. G. Detmers, van Dantzig naar Harlingen en SANDERINA, kapt. H.H. Jongebloed, van Memel naar Antwerpen. Volgens brief van de 6e dito was echter het weer sedert drie dagen zodanig veranderd, dat het ijs in de Eider reeds voor een groot gedeelte verdwenen was en de schepen naar de Oost Zee mogelijk nog die dag de reis zouden voortzetten.
Het galjas EMILIE, kapt. M.D. Schmidt (opm: buitenlander), van Amsterdam naar Stettin, is, volgens brief Fredrikshaven en Jutland, in dato de 3e dezer, de 29e november, niet ver van daar, op Napstienstrand (opm: Napstjært-strand), verongelukt; van de lading is een gedeelte tabak, kaas en haring, als ook een gedeelte der takellaadje; geborgen, doch het schip door sedert plaats gehad hebbend stormweer gekanterd en onder water geraakt zijnde, zou er waarschijnlijk niet veel meer geborgen kunnen worden; de beschadigd geborgen tabak en kaas zou openlijk verkocht worden.
Het schip DE SPECULANT, kapt. J.H. Schutt, van Amsterdam te Pillau gearriveerd, levert beschadigde goederen uit.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia. Wordt ter kennis van het publiek gebracht, dat aan het postkantoor te Batavia, paketten voor brieven geopend zijn om te worden verzonden:
Naar Antwerpen met de schepen VASCO DA GAMA, kapt. T. Versluijs, en de brik LOUISA AUGUSTA, kapt. S. St. Martin.
Het paket brieven voor Nederland, met kapitein St. Martin, voerende de brik LOUISA AUGUSTA, zal op donderdag den 13de dezer, voor twaalf ure, worden gesloten.
Batavia, den 12de december 1827,
De postmeester P.A. Bik.


14 december 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Lees Hier. Men is voornemens, plaats en tijd nader te bepalen, publiek te verkopen het Beurtschip, varende van de Joure op Leeuwarden vice versa, Iemand hetzelve uit de hand willende kopen op gemakkelijke termijnen van betaling, vervoege zich bij L. of G. Cath, te Joure.


15 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. Aangaande het schip (opm: fluit) VREDE EN VRIJHEID, kapt. F.A. Lammerts, van Koningsbergen naar Amsterdam reeds gemeld met averij te Cuxhaven binnengelopen, wordt van daar in dato de 1e dezer gemeld, dat van de lading, op rechterlijk gezag, openlijk zijn verkocht, circa 10 lasten beschadigde rogge, circa 1 en 3 vierde lasten beschadigd lijnzaad, circa 3 vierde last beschadigd tarwe en circa 150 pond hennep; het overige gedeelte is gezolderd en men was bezig het schip, hetwelk van onderen dicht bevonden is, doch voor het overige veel geleden heeft, te repareren, waarmede men dacht tegen medio januari gereed te zullen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. Kapt. W. Blom, voerende het schip DE PRINS VAN ORANJE (opm: fregat), de 2e augustus van Amsterdam te Batavia gearriveerd, meldt van daar, in dato de 6e dito, dat hij de 31e mei, op 3 graden 20 minuten noorderbreedte en 17 gr. 6 min. Westerlengte van Greenwich, gepraaid heeft de brik DE COCK, kapt. E. den Duits, van Antwerpen naar Batavia of Padang.
Het schip CONCORDIA, kapt. W. Groen, zou de 2e november van Suriname naar Amsterdam vertrekken en in de loop dier maand gevolgd worden door de schepen JOANNES ARNOLDUS, kapt. P. Kerkhoven en ALEXANDER, kapt. C. Davey; het eerste mede naar Amsterdam en het laatste naar Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 december. Van Antwerpen schrijft men, dat men aldaar bericht heeft van de behouden aankomst van Zr.Ms. schip WATERLOO te Batavia. De dag van het arrivement wordt niet gemeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 december. De 12e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis MARGARETHA, kapt. J. Verdoes, van Bordeaux.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild PROVIDENTIA, kapt. P. Verwell.


18 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 december. Aangaande het schip RIKA, kapt. J.H. Smit (opm: tjalk VROUW HENDRIKA, bouwjaar 1803; kapt. Jan Harms Smit, Pekela), de 28e oktober uit Texel naar Hull gezeild, sedert niets vernomen zijnde, veronderstelt men, dat hetzelve in de storm van de 2e november verongelukt zal zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 december. Volgens brief van Norden, van de 11e dezer, is de 7e dito op het strand van Norderneij aangedreven het wrak van een kof- of galjootschip, groot plm. 80 lasten, zonder naam, manschappen of papieren; ook kon men niet zien of het beladen was geweest; deskundigen meenden, dat hetzelve op de Wezer gebouwd en met Hollanders of Oostvriezen bemand geweest zou zijn; hetgeen van de vleet nog voorhanden was, had men geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 december. De tijding omtrent de gelukkige aankomst van Zr.Ms. schip van oorlog DE WATERLOO wordt nader bevestigd. Volgens een brief uit Antwerpen heeft kapt. D. Condrij, voerende het schip POTOMAC, bij het uitzeilen van de Straat Sunda, gemeld oorlogschip gepraaid; alles was wel aan boord.
Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE LUCIA, kapt. van der Kaa, van King’s Lynn; HOOP, kapt. Hazenoot, van Lissabon; MEDUSE, kapt. Bunemeijer, van Londen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 17 december. Aan deze stad is gearriveerd het schip ANNA SOPHIA, kapt. E. Bock, van Marennes met zout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een smakschip, groot 45 roggelasten, gevoerd door schipper W.J. Mellema, liggende voor de Turftorenstraat. Te bevragen bij de havenmeester Wijndels te Groningen. (opm: de zeebrief van de JONGE REMPT werd in april 1828 geretourneerd naar Den Haag omdat het schip zou worden gesloopt)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een welbevaren tjalkschip, groot plus minus 36 roggelasten, met deszelfs opgoed en verder toebehoren. Te bevragen bij de schipper Jan H. Scholtens, in de Visscherstraat te Groningen. (opm: de VROUW CATHARINA werd verkocht)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een welbevaren smakschip met alle zijne annexen, of deszelfs hol, groot plm. 50 roggelasten, liggende voor des verkopers wal, bij schipper H.J. Puister, te Veendam, op het Oosterdiep. (opm: de JONGE REINA werd verkocht)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Schuiteschip, oud 9 jaren, lang 15 ellen 924 strepen, wijd 3 ellen 692 strepen, met zeil en treil, ankers en touwen, haken en boomen; te bevragen bij den eigenaar Jan Feikes de Boer, te Woudsend.


20 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Maassluis liggen in lading:
Naar Lissabon, het Nederlandse hoekerschip de VROUW IDA, kapt. Otto Joa, om de 4e december aanstaande te vertrekken.
Naar Lissabon, het Nederlandse hoekerschip ALGEMEEN BELANG, kapt. Jan Goudappel om de 4e aanstaande te vertrekken.
Adres ten kantore Kuijper, Van Dam en Smeer te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 december. In de nacht van de 15e dezer is in de gronden tussen het Vlei en Eijerland vervallen het Engels brikschip SEANCE, kapt. W. Allen, van Londen naar Hamburg gedestineerd, geladen met suiker, koffij enz.; de equipage, bestaande uit 7 man, is, benevens de kapiteins-vrouw, alhier met de boot aan strand gekomen en geborgen; volgens rapport van de kapitein zat het schip vol water en of er iets geborgen zou kunnen worden was onbekend.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 december. De kof DE VIER GEZUSTERS, kapt. D. de Jonge, met ballast de 3e dezer van Harlingen naar Cette vertrokken is, volgens bericht van Delfzijl de 14e dezer aldaar door een Embder visserschuit, onder aanhoudend pompen en met verlies van zeilen, fokken, gaffel enz, in de haven gebracht; de 5e dito op de hoogte van Texel zijnde was de stuurman over boord geslagen, waarvan het schip twee dagen onder Helgoland ten anker had gelegen; het volk door onophoudelijk pompen geheel afgemat zijnde, hebben gezegde vissers de dienst bij de pompen moeten waarnemen en met hun schuit het schip tot aan de haven vergezeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 december. Het schip DE VROUW MARIA, kapt. A.M. Noordbeek, van Rotterdam naar Batavia, bevorens reeds gemeld te Deal binnengelopen, was de 10e dezer onder meer aldaar liggende.
Het schip NAUTILUS, kapt. Sweetman, van Hamburg naar Valparaiso is de 10e dezer te Cowes binnengelopen.
Het schip MARIA, kapt. J.F. Brouwer, van Alicante naar Amsterdam, is de 20e en het schip DE VROUW ANNA, kapt. G. Don, van Livorno mede naar Amsterdam, de 21e november te Gibraltar binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 december. Te Antwerpen zijn gearriveerd ZEPHIJR, kapt. Cleverland, van Batavia en TWEE GEBROEDERS, kapt. Brains, van Duinkerken.


21 december 1827


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s-Gravenhage, 13 december. Het schip POTOMAC, de 26e augustus van Java vertrokken, heeft bij het uitzeilen van Straat Sunda Zr.Ms. schip WATERLOO, aan boord hebbende een bataillon expeditionaire troepen en naar Batavia bestemd, in goede staat gepraaid.


22 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 december. Van Terschelling meldt men de 15e dezer, dat aldaar voor de wal was met twee loodsen aan boord het kofschip DE VROUW ELIZABETH, hebbende een blauwe vlag met rode randen boven en onder n.° 100, komende van Bordeaux.
Het schip EMMA SUSANNA, kapt. B. Bollard, van Bremen naar Port-au-Prince, is de 11e dezer te Ramsgate binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 december. Te Antwerpen zijn gearriveerd JONGE JOANNA, kapt. Poel en JONGE CAMILLE, kapt. Bakker (opm: kapt. Jooris Walters), van Londen en CATHARINA JOANNA, kapt. Parlevliet, van Marseille.


24 december 1827


  AC - Amsterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Vrijdag l.l. (opm: 21 december) is met goed gevolg van stapel gelopen het brikschip PHOENIX, gebouwd door de heren scheepsbouwmeesters Jeremias Meijjes en Zoon. (opm: voor J.J. Poncelet & Zn, Amsterdam; kapt. D.T. Visser)


25 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 december. Het schip ALKMAAR, kapt. Heath van Rotterdam naar Londen is de 11e dezer te Harwich binnengelopen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, den 22 december. Gisteren en heden zijn, voor Antwerpen bestemd, alhier ter rede gekomen: LA VIERGE MARIE, kapt. S. Teekles Hobma, van Messina, met stukgoederen; HELENA THERESIA, kapt. M.C. Heinrichsen (opm: buitenlander), van Batavia, met suiker en koffij.


27 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 december. De 25e, des namiddags, is DE ZWAAN, kapt. C.J. van Driesten, op de rede van Helvoetsluis gekomen.
Van Vlissingen is naar zee gezeild DE DRIE GEZUSTERS, kapt. C.H. Schreuder, van Antwerpen naar Cette.
Te Antwerpen is gearriveerd DE MAAGD MARIA, kapt. Thekels, van Messina.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 december. Het schip EUROPA, van Triest naar Antwerpen, is de 3e dezer te Gibraltar binnengekomen.
Kapt. K. Eijsses, voerende het schip DE VROUW AUKJE, van Koningsbergen naar Amsterdam, meldt van Rendsburg van de 20e dezer, dat hij, eerst door tegenwind en vorst en naderhand door stormweer in het voortzetten zijner reis verhinderd zijnde geworden, aldaar nog liggende was en waarschijnlijk zou overwinteren.


28 december 1827


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De secretaris W.A. Evertsz te Oldeboorn is voornemens, ten overstaan van een notaris, publiek te verkopen op maandagen den 7 en 21 januari 1828, des namiddag ten twee ure, ten huize van den kastelein Schaafsma te Joure, de gerechte helft van het voordelige veer en schip, varende van de Joure op Workum, Heerenveen en vice versa, met zeil en treil, haken, bomen en verdere scheepsgereedschappen, zo en in dier voegen als hetzelve thans bij den eigenaar Jan Daniels Zijlstra wordt bevaren, bij wien het inmiddels, alsmede bij voormelde secretaris, uit de hand te koop is.


29 december 1827


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 december. De 20e november is per Zr.Ms. fregat DE JAVAAN, na een reis van 13 dagen van Port-Mahon, wel te Smyrna aangekomen de heer Jacob van Lennep, consul-generaal der Nederlanden aldaar.
De 26e, des namiddags, arriveerde te Helvoetsluis DE VROUW MARGARETHA, kapt. A. de Zeeuw, uit de Maas (als bijlegger naar Lissabon).
Te Antwerpen is gearriveerd VIJF GEBROEDERS, kapt. Poods, van de Havanna.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 december. Volgens brief van Malta van de 30e november, is de 28e dito aldaar aangekomen het schip REIGERSDAAL, kapt. J. Oelsen, voor J.H. Bakker, van Amsterdam naar Smyrna en zou spoedig de reis onder konvooi vervolgen; nog was enige dagen te voren te Malta binnengekomen en in de quarantainehaven liggende Zr.Ms. korvet HEKLA, kapt.-luitenant A. Sluiter, van Smyrna, gekonvooieerd hebbende de schepen ANNA PAULOWNA, kapt. T. IJsbrands en BRISEÏS, kapt. P. Bakker, beide naar Amsterdam en HENDRIKA ELIZABETH, kapt. Anne Glazener, naar Rotterdam gedestineerd.


  DC - Dordtsche Courant

Ten kantore van Blussé & Vriesendorp te Dordrecht, zullen op 2 januari 1828 en vervolgens, worden betaald: de op 28 december 1827 ter aflossing met 5 pct. premie uitgelote aandelen in de negotiatie ten laste der Dordrechtsche Stoombooten, zijnde No. 83, 79, 7, 51, 53 en 17; alsmede de alsdan verschenen Intrest-Coupons en premiën, tot gezegde negotiatie behorende.