Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1837


02 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens brief van kapt. Dietz, voerende het schip CONCORDIA, te Harwich binnen, heeft hij de 23e november het grote marszeil verloren en nog drie zeilen moeten kappen om het resterende te behouden. De ketting los rakende sloeg tegen de luiken, waardoor hij (opm: het schip) water binnen kreeg. De 30e november goed weer zijnde, besloot hij naar binnen te lopen, hetwelk hem echter niet gelukte en werd tot op 05º NB teruggestormd.


03 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Aangaande de te Spaarndam aangekomen lichter, gevoerd door schipper Van den Berg, met 231 kanassers (opm: kist, of korf van vlechtwerk) suiker, uit het schip de PRINS VAN ORANJE, kapt. De Boer, van Batavia naar Rotterdam in Texel binnen, wordt van Rotterdam in dato 29 december 1836 bericht dat gemelde lichter den 23 december 1836 voor de schutsluis te Spaarndam aangekomen zijnde, doch wegens de toestand van het water niet doorgeschut hebbende kunnen worden, men in de avond van den 24 dito, tot behoud van het schip en lading, genoodzaakt was om de ketting waarmede het vaartuig aan de palen lag afgemeerd te laten slippen, dien ten gevolge was het tot op 400 roeden (opm: pl.m.1472 m.; 1 Amsterdamse roede = 3.6807 m) uit de wal in veiligheid ten anker gekomen, hebbende daarbij de fok, de boegspriet, de boot, ankers enz. verloren en door het breken der zwaardklamp lekkage bekomen, welke sedert echter weder gedigt was geworden, doch waardoor men veronderstelde dat een klein gedeelte onderlading gesmolten zal zijn; zodra het weder zulks toelaat, zou het ijs doorgezaagd en het vaartuig nader aan de wal gehouden worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 januari. Het schip (opm: schoenerkof) ELISABETH, kapt. P. Pijbes, van Amsterdam naar Suriname, is volgens particulier bericht den 24, en het schip (opm: kof) AURORA, kapt. A.J. de Boer, van Amsterdam naar Genua en Livorno, den 29 december 1836 uit Texel naar zee gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping (om contact geld) op vrijdag den 6 januari 1837, des voormidags ten 10 ure, op Vlugtenburg, onder ’s Gravezande, van het op den 25 november 1836 gestrande Engels schoenerschip genaamd HALO, benevens 1 boot, 2 grote en 2 kleine ankers, 2 ankerkettingen, 4 wantkettings, 1 koperen haard, 2 watervaten, zeilen, staand en lopend want en verdere inventaris.
En voorts nog, ad opus jus habentium (opm: in het belang der rechtverkrijgenden), watervaten, 1 scheepspomp, 26 ellen nieuw zeildoek, scheepshout, en wat verder te koop zal worden aangeboden; zullende daags voor de verkoping aan de Pan en op Vlugtenburg ter bezigtiging liggen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Batavia: het nieuw gekoperd Barkschip VLASHANDEL, kapt. H.H. Uil.
Idem: het Barkschip FACTORY, kapt. J. Parlevliet.
Beide schepen hebben zeer goede inrichtingen voor passagiers.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen, en Kuyper, Van Dam en Smeer
New-York: (mede voor passagiers) het gekoperd Brikschip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. J.H. Uil.
(Mede voor passagiers) het gezinkt Brikschip AGENORIA, kapt. W. van der Kolff.
Triëst: het Kofschip PAULINE, kapt. S.T. de Boer.
Belfast: het Kofschip JANTINA ENGELINA, kapt. H.T. de Jonge.
Liverpool: het Kofschip CONCORDIA, kapt. F.H. Eddes.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen
Suriname: het gezinkt Schoener-Hoekerschip JONGE ARIE, kapt. L. Hus, vertrekt den 20 dezer.
New-York: (mede voor passagiers) het Schoener-Galjootschip (opm: kof) VIER GEBROEDERS, kapt. A.J. Bakker.
Bordeaux: het Kofschip GEERTRUIDA SMIT, kapt. E.C. Eilts.
Liverpool: het Schoener-Kofschip ENGELINA, kapt. R.H. Bok, ligt gereed.
Idem: het Kofschip VROUW JACOBA, kapt. H.R. Grimminga.
Belfast: het Kofschip JOHANNA GEZINA (opm: JOHANNA GEZIENA, ook JOHANNA GESINA), kapt. P.G. Schuur.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: smak) de VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, van Amsterdam naar Rochefort, te Portsmouth binnengelopen, heeft op 20 december 1836 de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zr.Ms. transportschip WILHELM FREDERIK HENDRIK, luitenant C. van de Hart, van Helvoet naar Curaçao, te Cowes binnen, heeft op 24 december 1836 de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof ALIDA GIEZEN, kapt. J.J. Zelling, van Rotterdam naar Londen, is volgens brief van Brielle van 27 december 1836, die nacht boven de haven aldaar aan de grond en in het ijs bezet geraakt (opm: zie PGC 100137).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de ONDERNEMING, kapt. B. Hendriks, van Rotterdam naar Antwerpen, is volgens brief van Vlissingen van 27 december 1836 wegens storm en ijs met verlies van een anker en touw aldaar in de haven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) MARIA, kapt. J.F. Brouwer, van Amsterdam naar Genua en Livorno, is volgens brief van het Nieuwe Diep van 26 december 1836 op 24 december op het punt zijnde om door de stoomboot van daar uitgesleept te worden, om naar zee te zeilen, door aan de grond raken van dezelve, om naar deszelfs verlaten ligplaats terug te keren, alwaar dezelve bij de opkomende storm tegen drie andere daarnevens liggende schepen, zodanig stootte, dat de bakboord rusten en een gedeelte der puttingijzers gebroken en het gehele bakboord (opm: hier is waarschijnlijk het woord want weggevallen) los en gespleten werd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) HILLECHIENA GEERDINA, kapt. H.L. Roelfsema, van Amsterdam naar Newcastle, in het Nieuwe Diep teruggekomen, heeft volgens brief van daar van 27 december 1836 op 24 december bij het uithalen van daar, om naar zee te zeilen, door aandrijving van het schip de HOOP, kapt. W.K. Kok (opm: kof, kapt. W. Kiers Kok), van Amsterdam naar Marseille, de boegspriet met derzelver tuigage verloren en was daarna met behulp van een sloep naar het Nieuwe Diep teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen de VROUW CHRISTINA (opm: smak), kapt. R.J. Dood en FELIX (opm: kof), kapt. J.J. Cramer, beide van Rotterdam naar Nantes, op 24 december 1836 van Maassluis naar zee gezeild, zijn volgens brief van daar van 26 december weder geankerd, doch van voor twee ankers weg en tegen de Zuidwal gedreven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van kapt. E.P. Dik, voerende het schip (opm: kof) de VRIENDSCHAP, van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin), laatst van Hellesund, in dato 10 december 1836, was hij eerst in een haven bij Mandahl en vervolgens op 22 november te Randosand, wegens tegenwind binnengelopen, aan boord was alles in beste staat.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de GOEDE HOOP, kapt. H.R. Boiten (opm: smak, kapt. H.R. Bouiten), van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, te Christiansand binnen, was op 10 december 1836 gereed om de reis voort te zetten. (opm: zie PGC 081136 en 310137)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. J.J. Wiersma, Notaris te Sneek, als daartoe benoemd door de Regtbank van eersten aanleg, zitting houdende aldaar, gedenkt publiek, bij strijk- en verhooggeld, aan de meestbiedende te verkopen:
Het geoctroijeerde Veer en de daartoe dienende twee Schepen, varende van Sneek op Harlingen et vice versa, met al derzelver zeil en treil, staand en lopend want, haken, bomen en verdere losse goederen, volgens Inventaris, zodanig thans door Evert Vlink als huurder worden bevaren; alles breder bij biljetten omschreven, en zulks in twee percelen; den 1 februari 1837 vrij te aanvaarden.
Wie gading maken, komen op dinsdag den 10 januari 1837, bij de provisionele toewijzing, des avonds ten zeven ure, ten huize van de Logementhouder Cornelis van der Wis, in de Wijnberg te Sneek, en kopen op conditiën alsdan voor te lezen, welke inmiddels te vernemen zijn bij de Notaris voornoemd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een zo goed als nieuw overdekt Kajuit- of Potschip, groot 10 tonnen, genaamd de JONGE SAAKJE, laatst bevaren door wijlen M. Leverland, in leven potschipper te Franeker, thans liggende bij de scheepstimmerwerf van J.R. Boomsma, op Zevenhuizen bij Franeker, bij wie hetzelve te bevragen is. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Drie à vier scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen dadelijk werk bekomen bij Pieter IJpes, schuitmaker op het Vliet te Franeker.


04 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De HOLLAND, kapt. Struben, van Batavia naar Amsterdam, is te Portsmouth binnengelopen met verlies van ankers, kabels, boegspriet, enz., hebbende op de Galloper gestoten.
(opm: zie AH 060137)


  AH - Algemeen Handelsblad

Cowes, 26 december. Kapt. W. Hasselaar q.q., voerende het schip JONGE WILLEM, van Amsterdam naar Suriname met troepen, heeft zeil willen maken om naar zee te gaan, doch is door tegenwind moeten terugkeren.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 2 januari. De 31e december is hier aangekomen het Nederlands-Indische schip GRACE, kapt.T.C. Simonet, met een passagier, de 15e november vertrokken van Calcutta.
Heden is hier aangekomen de Nederlandse brik NIJVERHEID, kapt. T.J.J. Bouman, de 14e september vertrokken van Rotterdam.


05 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

In het jaar 1836 zijn van Dordrecht naar zee gegaan 273 schepen, en aldaar uit zee aangekomen 251 schepen, welke aangebragt hebben 20445 lasten.
Het jaar te voren zijn 18 schepen minder uitgezeild en 37 minder aangekomen en 3076 lasten minder aangebragt. De in het afgelopen jaar aldaar uit zee gearriveerde schepen zijn gekomen: uit Groot-Brittanje met steenkolen 80, met klipzout 28 en met ijzer 3; uit Frankrijk met ruw zout 42, met stukgoederen 8 en met wijn 4; uit Pruissen met kalk en stukgoederen 20 en met boekweit 3; uit Noorwegen met stokvis en traan 15; uit Noorwegen en Rusland met hout 29; uit Zweden en Rusland met teer en stukgoederen 13; uit Spanje met ruw zout 1, en uit Nederlands Oost-Indië met suiker en koffij 5.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Lijst der schepen die sedert den 1 januari tot den 31 december 1836 in de Maas en Goeree zijn ingekomen en uitgezeild, opgemaakt naar de authentieke zeetijding.
Ingek. Uitgeg. Ingek. Uitgeg.
Aberdour 11 - Lissabon 32 44
Antwerpen 11 9 Liverpool 73 49
Baltimore 24 8 Londen 238 243
Batavia 63 59 Marennes 22 6
Belfast 1 23 Marseille 11 12
Bergen (N.) 25 22 Memel (Klaipeda) 10 3
Bordeaux 15 9 Newcastle 110 108
Bremen 12 11 Newhaven 10 9
Cette (Sète) 11 - New-York 12 23
Cuxhaven 47 4 Oost Zee - 19
Dantzig (Gdansk) 7 10 Riga 23 13
Davids (St.) 11 2 Rio-Janeiro 10 1
Drammen 10 9 Rostock 2 15
Duinkerken 73 112 Rye 18 17
Dundee - 27 Stettin (Szczecin) 2 17
Embden 49 11 Stockholm 12 4
Grevelingen 16 4 Stockton 18 24
(opm: Gravelines) Sunderland 130 106
Hamburg 10 45 Bijleggers 29
Hull 152 183 Onbekende destinatie 26
Ipswich 15 13 Overige 350 365
Leith 16 23 (112 verschillende havens)
Libau (Liepaja) 16 4
Totaal 1707 1692
(opm: alleen de havens met 10 of meer schepen gespecificeerd)
Dus 1709 ingekomen en 1692 uitgezeild, behalve de vishoekers, jagers, haringbuizen en schepen die van Rotterdam, Dordrecht, Schiedam, enz. langs de Zeeuwse Stromen zijn ingekomen of uitgezeild, of die binnendoor langs de Wadden, van Hamburg, Bremen, enz. zijn gearriveerd of derwaarts vertrokken.
In 1835 ingekomen 1737 In 1835 uitgezeild 1725
In 1836 ingekomen 1707 In 1836 uitgezeild 1692
In 1836 minder ingekomen 24 minder uitgezeild 33


  RC - Rotterdamsche Courant

In het afgelopen jaar zijn in Schiedam uit zee aangekomen 97 schepen, waarvan 48 met kolen, hout, enz, en 49 met granen van Liebau (opm: Liepaja), Riga, Greifswald, enz, als mede 34 schepen van Mannheim, Mainz, Keulen en andere plaatsen aan de Rijn gelegen, waarmede en verder van binnenlands zijn aangevoerd 18773 lasten rogge en gerst, zijnde 2367 lasten meer dan in 1835.


  RC - Rotterdamsche Courant

Gedurende het jaar 1836 zijn van de rede van Maassluis uitgezeild 352 en binnengekomen 3 koopvaardij-schepen, behalve de haring- en visschepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Kapitein J.D. Diets, voerende het schip CONCORDIA, van Amsterdam naar Suriname, den 21 december 1836 te Harwich binnengelopen (opm: zie volgend bericht), rapporteerde den 18 dito in goede staat gepraaid te hebben het schip (opm: fregat) STAD UTRECHT, kapitein H. Rolff, van Amsterdam naar Batavia (opm: op haar eerste reis).


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit Lloydslijst van den 23 december 1836. De CONCORDIA, kaptein Dietz, van Amsterdam naar Suriname is te Harwich lek binnengelopen en moet lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Uittreksel uit Lloydslijst van den 30 december 1836. Onder de talrijke schepen, welke gedurende de stormen van den 25 en 26 december op de Engelse kust zware schipbreuk hebben geleden, telt men: bij Douvres (opm: Dover) PRINS FREDERIK, Stevenson, van Rotterdam naar Londen, die gezonken is, doch de equipagie gered; bij Portsmouth HOLLAND, kapt. J.H.M. Struben (opm: zie RC 070137), van Batavia naar Amsterdam, met verlies van ankers, kabels, enz.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. De schepen MERCURIUS, kapt. J.C.R. Fonck, van Amsterdam naar Port à Port, MARGARETHA, kapt. H.G. Henrichs, van Rotterdam naar Lissabon en Montevideo, L’AVENTURE, kapt. S. Lams, van Rotterdam naar Havanna, te Ramsgate binnen, hebben den 23 december 1836 hunne reizen voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. De schepen FLEVO, kapt. H.T. Amsberg, DE TWEE CORNELISSEN, kapt. S. Veenstra, beide van Amsterdam naar Batavia te Cowes binnen, hebben den 23 december 1836 hunne reizen voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. Volgens brief van kapt. J.H. de Boer, voerende het schip (opm: kof) JOHANNA MARGARETHA, van Amsterdam naar Petersburg, in dato Hammartan, vier mijlen van Arendahl, den 14 december 1836 wegens storm en tegenwind, doch in goede staat aldaar binnengelopen om te overwinteren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 januari. La VICTOIRE, kapitein P. Boeye, van Rotterdam bij Terneuse (opm: Terneuzen) gestrand, is na twee ankers en touwen verloren te hebben, den 20 december 1836 weder vlot geworden.


  AH - Algemeen Handelsblad

De NEERLANDSCH WELVAREN, kapt. O. Hanssens, van Amsterdam naar Marseille, is met verstopte pompen de 27e december te Plymouth binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Whitstable, 25 december. Het schip ELISABETH, kapt. Van de Berg, is met verlies van ankers en kabels alhier op de rivier gebracht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Whitstable, 25 december. De PELLEKAAN, kapt. Douwes, van Brussel naar Londen, is, na bij de Herm-Bay op strand gezeten te hebben, alhier met verlies van ankers en kabels, met gescheurde zeilen, beschadigd roer en adsistentie binnen gebracht.
(opm: waarschijnlijk een Belgisch schip)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Men vraagt uit de hand tegen een billijke prijs te koop een Friese hektjalk, tussen de 4 à 10 jaren oud, en omtrent de 80 gemeten tonnen. Zich te adresseren bij I. Duyff, Damrak 103, Amsterdam.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Te Penrame zijn binnengelopen de schepen RUBENS, kapt. Hamilton, van Liverpool naar Antwerpen (opm: zie AH 171236), en ALPHA, kapt. Turner, van Antwerpen naar Liverpool.


06 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De VROUW ANTINA, kapt. Kuyper, van Sunderland naar Amsterdam in de 20e december met verlies van roer, te Grimsby binnengevallen.


  AH - Algemeen Handelsblad

De JAVA, kapt. Peters, van Batavia naar Rotterdam, is 30 december te Cowes met enige schade aan zeilen binnengelopen; het schip was reeds tot op de hoogte van Goeree geweest.


  AH - Algemeen Handelsblad

De kof de JONGE RENGER, kapt. Jui de Juis Brouwer, van Bergen naar Amsterdam, is masteloos, vol water en dor het volk verlaten, drijvende gevonden en de 28e december te Mundesley binnengesleept.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlie, 3 januari. Heden nacht is alhier gestrand een masteloos en geheel ontramponeerd en door de equipage verlaten ever-galjas, volgens daar nog in gevonden kooien en lompen zou men veronderstellen, dat hetzelve daarmede beladen zou zijn geweest, van de naam derzelve was niets te vinden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de GOEDE HOOP, kapt. M.D. de Jonge, van Riga naar Havre, te Lingoer binnen, was op 12 december 1836 aldaar nog liggende.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: hektjalk) de VROUW HILLEGINA, kapt. A.A. Wolkammer, van Amsterdam naar Bremen is op 24 december 1836 wegens tegenwind, doch in goede staat te Delfzijl binnengelopen. Kapitein Wolkammer rapporteert, dat 14 à 15 schepen op de Eems in een gevaarvolle staat lagen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: hektjalk) MIJN GENOEGEN, kapt. A.G. Veenstra van Amsterdam naar Hamburg is op 28 december 1836 te Cuxhaven binnengelopen. (opm: zie RC 120137)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen AFINA (opm: VROUW AFINA, vermoedelijk smak), kapt. D.H. Drewes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), JONGE REINTJE (opm: kof), kapt. R.W. Mellema van Hamburg en HENDRIKA (opm: smak), kapt. G.O. Sap, van Newcastle, alle drie naar Amsterdam te Cuxhaven binnen, zijn op 24 december wegens harde wind daar niet uitgezeild.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNA MARIA kapt. J.H. Kramer, van Riga naar Abbeville, is op 10 december 1836 in goede staat te Christiansand binnengelopen, doch heeft op 16 december met een goede gelegenheid de reis vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Mr. M. van der Tuuk, openbaar notaris in het kantoor Veendam, zal op eerstkomende maandag, 9 januari 1837, des avonds te 6 uur, ten huize van logementhouder E.D. Everts, te Veendam, publiek te koop presenteren: een smakschipshol genaamd JELTINA, groot ruim 73 ton, met deszelfs roer en zwaarden, thans liggend in de Noorderhaven in Groningen, zijnde laatst door schipper Lute Pinksterboer De Vrede bevaren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. Metz, Notaris te Heerenveen, zal, ten verzoeke van Klaas Reinders Mulder, kofschipper, publiek aan de meestbiedenden presenteren te verkopen: zeker wel geconditioneerd Tjalkschip, genaamd de TWEE GEBROEDERS, met zeilen, fokken, ankers, touwen, kleden en toebehoren, liggende op de Heerenwal. Dadelijk bij de toewijzing te aanvaarden.
Wie hieraan gading maken, worden ter beschrijving uitgenodigd op woensdag den 11 januari 1837, ten huize van Arend Willems Raadsveld, kastelein in Nijehaskerschans, des namiddags om 4 uur.


 GVG - Gazette van Gend

Het Hollands koopvaardijschip SCHIMMELPENNINCK (opm: fregat PRESIDENT SCHIMMELPENNINCK) is met 200 mannen troepen aan boord, onder het bevel van de eerste luitenant Nannings (opm: onjuist; Adriaan Nannings was de kapitein van het schip) uit Harderwijk naar Batavia onder zeil gegaan.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris Wijma, te Harlingen, zal aldaar, op woensdag den 11 januari 1837, des namiddags ten 4 ure precies, bij de beschrijving, en des avond ten 8 ure finaal, in het Heeren Logement, in het openbaar veilen: een extra ordinair welbezeild Nederlands Kofschip, genaamd DOLFIJN, lang 18 el 13 duim, wijd 3 el 76 duim, hol 1 el 92 duim, groot 59 ton of 31 last, en dat met al zijn rondhout, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil en verdere daarbij zijnde goederen en gereedschappen, volgens inventaris daarvan zijnde, en zodanig is liggende en voor een ieder is te bezigtigen in de Zuiderhaven te Harlingen, gevoerd door kapitein Albert Sluik, Junior. Nader onderrigt ten Kantore van de Heren Barend Visser en Zoon, ten voorm. Stede, bij wie voorschreve schip ook uit de hand te koop is.


07 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Gedurende het afgelopen jaar zijn te Hamburg uit zee aangekomen 2497 schepen en van daar vertrokken 2112. Onder de aangekomenen waren er acht uit de Oostindiën, 103 uit de West-Indiën, 111 uit Zuid-Amerika, 54 uit Noord-Amerika en 354 uit Holland en van de Kusten.
In het afgelopen jaar 1836 zijn uit zee te Amsterdam aangekomen 1694 schepen, waaronder 51 uit Nederlands Oost- en 81 uit de Westindië, zijnde 262 minder dan in 1835.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Den 9 september 1836 lagen te Batavia ter rede:
Zr.Ms. brik ORESTES, civiele schoeners HAAI en ANADYOMENE, Nederlandse schepen RESOLUTIE, APOLLO, MARIA, JOEDEL BARIE, MEDORA, BOEROONG, WIJNHANDEL, SCHOON VERBOND, PEKALONGAN, GENERAAL CHASSẾ, HANDEL-MAATSCHAPPIJ, ZAANSTROOM, MERCURIUS, BATAVIA, ORTELIUS en JOHANNA CORNELIA;
brikken ANJER, TARTAR, CHARLOTTA, MACHLAAR, INDRAMAYOE, KIMWAN, WILLEM en CLEMENTINE; barken MERCURIUS, CATHARINA, JAVA, YOUSSERIN, TAN GOANSING, FATAL HAIR en JOHANNA WILHELMINA; schoeners ZOUTMAN, GOANSOEN, CALYPSO, HAPSOEN, ANTING, MARZOEK, OEJOUNG en PADAN (opm: vermoedelijk OEJOUNG PADAN); Engelse oorlogsbrik TIGRES, schepen ENTREPRICE en ELIZA, barken ADDINGHAM en THOMAS HARRISON; Amerikaanse schepen HELLESPONT, DOROTHEA, DUXBURY, LAGODA en CHANDLER PRICE; Zweedse brik SYSTRARNE en Franse brik LA MODESTE.
Den 9 september is van Batavia naar Soerabaya gezeild de Nederlandse bark POLLUX.
Den 31 augustus is te Samarang van Soerabaya gearriveerd het Nederlandse schip LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN.
Te Soerabaya lagen den 30 augustus ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners JANUS en CIRCE; Nederlandse schepen JOHANNA FREDERIKA, MERCURY, SINGAPOERA, JOHANNA, AURORA, MASTORA, EMANUEL en SCHELDE; brikken PATRIOT, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR; barken ANNA AUGUSTINA, the INGMAN, JOHANNA WILHELMINA en FATAL KARIM; schoeners SRIE BANDAN, IRIS en WINDHOND, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor vrachtvervoer) BESI en Engelse schepen MARY ANNE en CANTON.
Den 29 augustus is van Soerabaya over Passarouang en Batavia naar Nederland gezeild het schip WALCHEREN.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Van het Vlie schrijft men, dat in de nacht van den 3 dezer aldaar is gestrand een masteloze en geheel ontramponeerde door de equipagie verlaten ever-galjas; volgens daarin gevonden koehuiden en lompen zou men veronderstellen dat het daarmede geladen is geweest; van de naam was niets te vinden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Aangaande het schip (opm: fregat) ORTELIUS, kapt. D.G. Niesen, van Batavia naar Rotterdam (bevorens gemeld), wordt van Rotterdam van den 31 december 1836 bericht, dat het lek was en zou moeten lossen; een der lichters, beladen met 100 balen koffij en 100 blokken tin, was gezonken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Van Aldbro (opm: Aldeburgh, nabij Lowestoft) meldt men van den 28 december 1836, dat twee dagen te voren aldaar was opgevist het manifest (opm: door de cargadoor opgemaakte verzamelstaat van cognossementen) van het schip (opm: tjalk) de VROUWE FENNEGINA, kapt. W.J. Pronk, van Flensburg naar Engeland, alsmede enig wrakhout, vermoedelijk afkomstig van hetzelfde schip.
Ook was die dag ten zuiden van daar gevist een stuk zware verschansing, waarop met witte letters Holland, vermoedelijk afkomstig van het hieronder vermelde schip HOLLAND, kapt. J.H.M. Struben (opm: zie ook RC 050137).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Volgens brief van kapt. J.H.M. Struben, voerende het schip (opm: fregat) HOLLAND, van Batavia en Padang naar Amsterdam, in dato Portsmouth den 28 december 1836, was hij na den 19 september 1836 van Padang vertrokken te zijn, den 22 december 1836 met een loods aan boord, op de hoogte van Egmond, doch werd alstoen, door het omlopen van de wind naar het westen en dik weer (opm: slecht zicht) genoodzaakt weder op zee te houden, waarbij door zwaar zeilen de boegspriet gebroken en schade aan het fokkewant veroorzaakt werd; den 24 december 1836 bij hevige orkaan weder naar het Kanaal koers zettende, was het schip dwars over de Galloper (opm: bank voor de Engelse kust nabij Dover) heen gestoten, doch den 27 dito, na de vorige dag onder Newhaven, ten gevolge van het knakken der spil, twee ankers en kettingen te hebben moeten laten slippen, te Portsmouth binnen gelopen; het schip was echter volkomen digt gebleven en overigens met lading in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Te Grimsby is met verlies van ankers enz. binnengelopen DIANA, van Hull naar Antwerpen, en VROUW ANTINA, van Sunderland naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. De SOPHIE EN MARGARETHA, Hasloop, van Tonningen (opm: Tönning) naar Antwerpen, is den 28e (opm: december 1836) op Clay Beach totaal verongelukt; een van het zeevolk is verdronken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Van Yarmouth schrijft men, dat een Hollandse galjoot, met de naam van VROUW MARGARETHA op de spiegel, te Haisbro (opm: Happisburgh, 52º49’ NB 01º31’ OL) gestrand is; een gedeelte van het want is geborgen. (opm: zie RC 090337).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Een Hollandse galjoot is op de hoogte van la Hogue (opm: waarschijnlijk Cap de la Hague, 49º44’ NB 01º55’ WL) verongelukt, geladen met verscheiden goederen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 januari. Te Cowes is gearriveerd JAVA, Peters, van Batavia, met verlies van zeilen; te Portsmouth VROUW MARIA en RESOLUTIE van Batavia.


  AH - Algemeen Handelsblad

Van de equipage van de JONGE RENGER, kapt. Brouwer, van Bergen naar Amsterdam, te Munderley (opm: Norfolk) de 28e december binnengebracht is slechts een man gered en opgenomen door de SCANDINAVIEN, de 31e december van Kopenhagen te Guernsey gearriveerd, de overige manschappen zijn verdronken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Van Yarmouth wordt van de 30e december gemeld, dat te Haisbro op strand gedreven is een Nederlands galjoot, op welker spiegel stond VROUW MARGARETHA.


  AH - Algemeen Handelsblad

De schepen DIANA, kapt. De Jong, van Hull naar Antwerpen, VROUW JANTINA, kapt. Kuiper, van Sunderland naar Amsterdam, zijn 28 december met verlies van anker enz. te Grimsby binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

De AURORA, kapt. Folkers, van Hannover naar Londen, is mede de 30e december te Grimsby binnengelopen, is lek en moet lossen om te repareren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Wainfleet, 28 december. De CATHARINA, kapt. Nijman (opm: smak CATRINA, bouwjaar 1831, kapt. Berend Harms Nijman), van Dantzig naar Bordeaux, is bij Ingoldmells (opm: benoorden Skegness, op 53º11’ N.B. 0º20’ O.L., Lincolnshire) gestrand, de equipage is gered en hoopte men het grootste gedeelte der lading te bergen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Blackney, 28 december. De SOPHIA MARGARETHA, kapt. Haesloop (opm: buitenlander), van Tonningen naar Antwerpen, is op Clay Beach totaal verongelukt, de equipage is op een man na, gered.
DE VROUW LUMMINA, kapt. Mulder, van Emden naar Gend en de GERECHTIGKEIT, kapt. Schau, van Wismar naar Duinkerken, zijn de 27e december in de nabijheid van Blackney gestrand, de equipages en een gedeelte der ladingen zijn gered.
(opm: waarschijnlijk zijn beide schepen buitenlanders)


  JC - Javasche Courant

De Gouvernements ijzeren stoomboot HEKLA, die, gelijk vroeger vermeld is, op ’s Lands werf te Soerabaija werd ineengezet, is op de 24e december j.l. behoorlijk en in goede staat te water gebracht en bevonden een gemiddelde diepgang te hebben van nagenoeg 1½ voet, Engelse maat. Men gist, dat die diepgang niet meer dan 2 voeten zijn zal nadat het vaartuig voor de actieve dienst uitgerust, gewapend, toegetuigd en bemand zal zijn, met welk een en ander men zich thans onledig houdt.


09 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Uit Zierikzee van de 29e december wordt het volgende gemeld:
Onder de vele ongelukken, welke door de aanhoudende stormen allerwege zijn veroorzaakt, tellen wij helaas het omkomen van onze brave stadgenoot, de loods Jacob Olree. Deze man, volijverig in zijn beroep, was op zaterdag namiddag, de 24e dezer, met het kofschip HINDERIKA, kapt. B.J. Haijens, van Emden, dezer stadshaven uitgezeild, toen de hevige storm, gedurende zaterdag nacht en zondag ll., het schip op het lager tegen de Noord-Bevelandsche gronden sloeg, en door de zware stortzee dermate teisterde, dat de manschap, door de nood gedrongen, op lijfsbehoud bedacht, het wrak met de boot moest verlaten, met dat ongelukkig gevolg, dat de stuurman Fokke Hinderics Goldhamer en onze loods hun dood in de woedende golven vonden. De overige manschap, benevens de kapitein, zijn gelukkig gered en alhier aangekomen; het schip zal hoogstwaarschijnlijk geheel verloren zijn, maar de lading kunnen geborgen worden.
Deze schipbreukelingen, op wier verhaal het gevoelig hart breekt, brachten dan ook het aan strand gevonden lijk van onze stadgenoot Jacob Olree herwaart mede, en het is ten behoeve van deszelfs diep bedroefde weduwe, met haar negen kinderen, welke zich door het treurig verlies van man en vader in hulpbehoevende omstandigheden bevinden, dat de heer M.C. de Crane zich gaarne heeft aangeboden dat de ontvangst van liefdegaven, welke de menslievendheid onzer stad- en landgenoten aan dit ongelukkig gezin wenst te brengen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Kapt. W.B. Bakker, voerende het fregatschip het GOEDE VERTROUWEN, van Rotterdam naar Batavia bestemd, bij de laatste storm op het eiland Rozenburg vastgeraakt, meldt per brief d.d. de 6e dezer, dat het schip behouden in de haven van Schiedam aangekomen is.


10 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Het getal der schepen, welke gedurende het jaar 1836 de Zeeuwse zeegaten in- en uitgevaren en dus de stad Vlissingen voorbij gestevend of aldaar binnen gelopen zijn, heeft bedragen 1336 binnengekomen en 1348 uitgezeild, waaronder wel zijn begrepen de stoomboten van Londen op Antwerpen, maar gene beurtschepen, vissers en anders kleine vaartuigen. In 1836 bedroeg het getal der uitgezeilde 1220 en dat der binnengekomen 1219 schepen.
Te Veere zijn in het afgelopen jaar ingeklaard: 17 Nederlandse, 15 Engelse, 3 Hannoverse, 4 Kniphauser, 1 Noors schip; uitgeklaard 15 Nederlandse, 10 Engelse, 1 Hannoverse en 1 Noors.
Gedurende 1836 zijn te Gent 138 schepen aangekomen en 90 afgevaren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Volgens brief van Harlingen, van den 3 dezer, was den 18 december 1836 op Ameland gestrand een het onderst boven liggende brik of galjas, grotendeels van vurenhout gebouwd, zonder enige bijzondere herkenningstekenen of naam, zijnde het achterschip geheel verbrijzeld, beladen met enige delen en Noordse balken, van welke laatste reeds omstreeks 300 geborgen waren, waarvan sommige gemerkt BX ingeslagen, andere met rood krijt SSS en nog andere TO.
(opm: zie RC 190137)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. De VROUW NEELTJE, kapt. J.F. Kuipers, van Bremen naar Amsterdam, is den 25 december 1836 in goede staat te Oostmahorn binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Volgens brief van kapt. J.D. Flik, voerende het schip JOHANNA HILLEGONDA, van Petersburg naar Amsterdam te Rendsburg aangekomen, van Tulenheim aan het Sleeswijk-Holsteinsche Kanaal, den 30 december 1836, was hij na den 23 dato met de schepen MARGARETHA ELIZABETH, kapt. J.B. de Groot, van Riga naar Bayonne, NEPTUNUS, kapt. Villemer, van Kiel naar Caen, door het ijs belet geworden om de reis voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 januari. Het schip (opm: smak) WILLEM OLIVIER, kapt. G.J. Korter, van Harlingen naar Bordeaux, is, na bij het uitzeilen van Texel gestoten te hebben, den 31 december 1836, met hulp, te Harwich zwaar lek binnengelopen.
(opm: zie NRC 140237, 020337 en 140337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. B.D. Boscher, makelaar, zal op maandag den 30 januari 1837, des avonds ten 6 ure precies, ten overstaan van een daartoe bevoegde beambte, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, te Amsterdam, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd en met koperen bouten voorzien tweedeks Barkschip, genaamd MARIA FREDERICA, gevoerd door kapitein Foeke Hiddes Zijlstra, varende onder Nederlandse vlag, volgens de Nederlandse meetbrief lang 31 ellen 60 duimen, wijd 5 ellen 98 duimen, hol 4 ellen 98 duimen, en alzo groot 221 lasten; breder volgens inventaris en bericht bij gemelde makelaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Kapitein S. Matthiesen, gevoerd hebbende het Noorweegse schip FRUE INGEBORG, komende van Sundsvall, bestemd naar Caen, op den 29 november laatstleden bij Egmond aan Zee gestrand, presenteert, geadsisteerd door de heer P. van Lienen en als daartoe geautoriseerd door en in tegenwoordigheid van de heer Edward Collings, agent van diverse Engelse, Schotse, Franse en Belgische Maatschappijen van Zee-Assurantie, op woensdag den 18 januari 1837, des voormiddags ten tien ure, te Egmond aan Zee, publiek, om contant geld te doen verkopen: de lading van het gemelde schip, bestaande in 374 grenen balken, van diverse lengten en dikten, 185 delen en wat verder door de verkoper gepresenteerd zal worden. Alle welke goederen twee dagen vóór de verkoping kunnen worden bezigtigd en inmiddels informatiën desaangaande kunnen worden genomen bij bovengemelde heren P. van Lienen, te Egmond aan Zee, en Edward Collings, te Amsterdam, op de Snoekjesgracht nr. 4.


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Cowes (opm: geen datum). De Nederlandse driemaster JOHANNA, kapitein Molensteen (opm: fregat, kapt. R. Maalsteed), komende van Batavia met een lading koffie en suiker voor de Nederlandsche Handel Mij met bestemming Amsterdam, is hier binnengelopen met een beschadigde ankerlier en vrezende bij Texel in het ijs te geraken. De JOHANNA is op 25 september 1836 van Batavia vertrokken en op 15 november laatstleden van St. Helena. (opm: zie RC 190137)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ALIDA GIEZEN, kapt. J.J. Zelling, van Rotterdam naar Londen, bij Brielle aan de grond geraakt, is op 3 januari, met behulp van ijssloepen weder af en op de haven gebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van Aldbro (opm: vermoedelijk Aldeburgh, nabij Lowestoft) meldt men van 28 december 1836, dat twee dagen te voren aldaar was opgevist het manifest van het schip de VROUW FENNECHINA (opm: tjalk DE VROUW FENNEGINA), kapt. W.J. Pronk, van Flensburg naar Engeland.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van Southwold wordt van 30 december 1836 gemeld, dat onder meer ander wrakhout, aldaar is aangespoeld een naambord waarop 18- VROUW FENNECHINA van Veendam -24, waarschijnlijk afkomstig van het schip de VROUW FENNECHINA, kapt. W.J. Pronk, van Flensburg naar Engeland. (opm: tjalk VROUW FENNEGINA, bouwjaar 1824; kapt. Willem Jacobs Pronk)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ELISABETH, kapt. P. Pybes, van Amsterdam naar Suriname, is volgens brief van Londen van 30 december, na over de banken voor de Thames gestoten te hebben, door visser op 23 december 1836, met verlies van roer en zwaard, anker, ketting en kabeltouw te Gravesend binnengebracht. Het schip was dicht gebleven en de lading in goede staat. (opm: zie RC 240137)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip JANTINA, kapt. A.C. de Groot, met steenkolen van St. Davids naar Dordrecht is volgens brief van Londen van 30 december, na op de banken van de Thames gestoten te hebben, door vissers lek en met verlies van roer en anker, touw enz. te Gravesend binnengebracht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: tjalk) de VROUW NEELTJE, kapt. J.F. Kuipers, van Bremen naar Amsterdam is op 25 december 1826 in goede staat te Oostmahorn binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De Emder kof HENDRIKA, kapt. B.J. Havens, op 24 december van Zierikzee naar ........ vertrokken, is diezelfde nacht op Noord-Beveland gestrand en de stuurman F.H. Goldhamer, benevens de Zierikzeese loods J. Olree, daarbij verdronken, doch de overige equipage met de boot aan wal gekomen. Het schip zal waarschijnlijk geheel weg zijn, doch de lading kon geborgen worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen VROUW JANTINA kapt. J.O. Kuiper van Sunderland naar Amsterdam en DIANA, kapt. A.A. de Jong, van Hull naar Antwerpen, zijn volgens brief van Grimsby van 29 december 1836 aldaar binnengelopen, het eerste met schade en de laatste met verlies van ankers en touwen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende het jaar 1836 zijn in de Maas en Goeree ingekomen 1.707 schepen en uitgezeild 1.692. Onder de ingekomene zijn 11 uit Antwerpen, 15 uit Bordeaux 12 uit Bremen, 2 uit Buenos Ayres, 11 uit Cette, 47 uit Cuxhaven, 7 uit Dantzig (opm: Gdansk), 2 uit San Domingo 73 uit Duinkerken, 49 uit Emden, 10 uit Hamburg, 7 uit Havana, 152 uit Hull, 16 uit Leith, 32 uit Lissabon, 73 uit Liverpool, 238 uit Londen, 4 uit Malaga, 11 uit Marseille, 8 uit Messina, 119 uit Newcastle, 12 uit New York, 3 uit Nickerie, 3 uit Palermo, 7 uit Petersburg, 1 uit Port à Port (opm: Oporto), 23 uit Riga, 10 uit Rio de Janeiro, 1 uit Smyrna (opm: Izmir), 12 uit Stockholm, 180 uit Sunderland, 6 uit Suriname, 8 uit Triëst, 6 uit St. Ubes (opm: Setubal) en 2 uit Venetië.
Onder de binnengekomen schepen zijn niet begrepen de vishoekers, jagers, haringbuizen en de schepen die van Rotterdam, Dordrecht, Schiedam enz, langs de Zeeuwsche stromen zijn ingekomen, of die binnendoor langs de Wadden zijn gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

In het afgelopen jaar 1836 zijn te Schiedam uit zee aangekomen 97 schepen, waarvan 48 met kolen, hout enz. en 49 met graan, alsmede 34 schepen van de Rijn. Daarmede en binnenslands zijn aangevoerd 18.773 lasten rogge gerst, zijnde 2.367 last meer dan in 1835.
Gedurende het jaar 1836 zijn van de rede van Maassluis in zee gezeild 352 koopvaardijschepen en binnengekomen 3?? (opm: onleesbaar), uitgezonderd de haring- en visschepen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De notaris J.J. de Blécourt te Wildervank, zal namens zijn principalen, op dinsdag 24 januari 1837, des avonds te 6 uren ten huize van logementhouder E. van Linge, in het gemeentehuis te Veendam, publiek veilen en verkopen: het smakschip de JONGE CAREL, laatst bevaren door schipper Joh. Eilers en thans liggende aan de scheepswerf van de heer Meijjes te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Dordrecht, 2 januari. In het afgelopen jaar 1836 zijn van deze stad naar zee gegaan 273 schepen, en aan deze stad uit zee aangekomen 251 schepen, welke aangebragt hebben 20445 lasten. Het jaar te voren, in 1835, waren 18 schepen minder uitgezeild, 37 minder aangekomen, en 3076 lasten minder aangebragt. De in het afgelopene jaar alhier uit zee aangekomen schepen kwamen, te weten: uit Groot-Brittannië met steenkolen 80, met klipzout 28 en met ijzer 3; uit Frankrijk met ruw zout 42, met stukgoederen 8 en met wijn 4; uit Pruissen met kalk en stukgoederen 20 en met boekweit 3; uit Noorwegen met stokvis en traan 15; uit Noorwegen en Rusland met hout 29; uit Zweden en Rusland met teer en stukgoederen 13; uit Spanje met ruw zout 1, uit Nederlands Oost-Indië met suiker en koffij 5.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Uitgezeild: Den 29 december 1836 de schoenerschepen FLORA, kapt. J. Manning
en FRIENDS, kapt. J. Manning, beide naar Londen.
Binnengekomen: den 1 januari 1837 het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, van Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Strandvonder van Ameland, zal, op maandag den 16 januari eerstkomende, bij het Pakhuis te Nes op Ameland, des voormiddags ten negen ure, in het openbaar, om contant geld, verkopen:
- 895 Delen merendeels van 4 el en 20 palm lengte en 80 streep (opm: 4,20 x 0,08 m.) dikte;
- 264 Dito van 1 el en 60 palm lengte en 80 streep dikte;
- 700 Stukken nagelhout, (enden van delen);
- 124 Bos latten (12 latten in ieder bos), en
- 51 Vaatjes bosbessen; alles geborgen van de Lading van het op de reis van Stokholm naar Londen, op Ameland gestrand Zvveeds Galjasschip BETTIJ, Kapitein A. Gultzau.
’s Daags vóór den verkoop, des namiddags ten vier ure, zal een schip van Holwerd vertrekken, met hetwelk de gegadigden naar Ameland zullen kunnen overvaren; zullende de verkoop, wanneer dit schip door onstuimig weder of vorst niet mogte kunnen overvaren, geen voortgang hebben.
Ameland, de 9e januari, 1837, de strandvonder van Ameland, W.R.J.D. van Heeckeren


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Hek-Tjalkschip, lang 19 el 88 duim, wijd 4 el 473 duim, hol naar rato. Te bevragen bij den eigenaar Simon P. Zeeman, liggende te Dragten.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Drie of vier scheepstimmerknechten, hun werk goed verstaande, kunnen van stonden aan voor een jaar of langer, werk bekomen bij J.R. Boomsma, op Zevenhuizen bij
Franeker.


11 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Gibraltar, 13 december. Binnengekomen GUSTAVE, kapt. A.J. Meulenaer, van Antwerpen, dezelve is den 23ste te Kadix gearriveerd.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Debiteuren en crediteuren in de boedel van wijlen kapt. F.W. Hermani, in leven gezagvoerder van het barkschip SUMATRA, worden verzocht zich binnen de tijd van drie maanden na dato dezes aan te melden bij de executeuren.
Batavia, 10 januari 1837, J.C. Groen, J. Vervooren


  JC - Javasche Courant

Batavia, 6 januari. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip DANKBAARHEID AAN DE NEDERLANDSCHE HANDEL MAATSCHAPPIJ, kapt. P. Landberg, met een passagier, de 14e september vertrokken van Rotterdam.


  JC - Javasche Courant

Soerabaija, 30 december. Heden is van hier vertrokken de Nederlandse brik ALLEN, thans hernaamd MINERVA, kapt. J. Corbet, over Sumanap naar Tjilatjap.


12 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Door het groot Noord-Hollandsch Kanaal zijn in 1836 langs Alkmaar gevaren 1318 schepen, te weten 867 uit zee komende en 521 naar zee gaand.


  RC - Rotterdamsche Courant

Roterdam, 11 januari. Den 1 september 1836 zijn van Batavia naar Soerabaya gezeild de Nederlandse schepen BELLONA en HENRIETTE EN HENRY.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Den 8 dezer arriveerde te Helvoetsluis de JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, van la Rochelle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. Volgens brief van kapt. J.D. Bos, voerende het schip de DRIE GEBROEDERS, van Amsterdam naar Nickerie, in dato Nieuwediep den 8 dezer, was hij, na te Alkmaar ingevrozen te hebben gelegen, die dag in het Nieuwediep aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 januari. Het schip AFINA (opm: VROUW AFINA, vermoedelijk smak), kapt. D.H. Drewes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam te Cuxhaven binnen, heeft aldaar in de haven hevig gestoten en lekkagie bekomen; moet lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 januari. De schepen MIJN GENOEGEN, kapt. A.G. Veenstra, van Amsterdam naar Hamburg, MINERVA, HET JONGE REINTJE, kapt. R.W. Mellema, van Hamburg naar ....., HENDRIKA, kapt. G.O. Sap, naar Newcastle (opm: zie RC 020137), ROELINA, kapt, K.J. Pronk, van Hamburg naar ......, en AFINA (opm: zie vorig bericht) lagen op 2 januari nog in de haven te Cuxhaven; de eerste vier wegens ijs en tegenwind en de overigen wegens schade, welke men bezig was te repareren.


13 januari 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 12 januari. Hedenavond wordt ten huize van de Wed. Bontekoe, aan de Grote Markt alhier, de jaarlijkse vergadering gehouden van het schipperscollegie Groninger Eendracht en het jaarlijks verslag gedaan. Dit Collegie, in 1830 opgericht, doch sedert aanmerkelijk gewijzigd en uitgebreid, heeft tot doel ongelukkige schepelingen, die door zeeschade geleden hebben, met een geldelijke toelage te steunen. Men verneemt dat, zodra de deelname in die steeds aangroeiende vereniging zulks zal gedogen, dit doel zich mede zal uitstrekken tot hulpbehoevende vrouwen en kinderen van verongelukte zeelieden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van Elseneur (opm: Helsingör) van 3 januari was het drijfijs in de Sont de vorige dag geheel weggeraakt. Het schip CAROLINA DOROTHEA, kapt. H. Krak (opm: buitenlander), van Petersburg naar Rouen was echter wegens hetzelve reeds op 1 januari van de rede aldaar in de haven gehaald.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van Whitby wordt gemeld, dat op 30 december 1836 aldaar is aangespoeld het roer van een vreemd (niet Engels) schip, benevens een gedeelte van een boot waarop 18- Jan S. Okkes -36 het laatste waarschijnlijk afkomstig van het schip de ZES GEBROEDERS, kapt. J.S. Okkes (opm: vermoedelijk kof, kapt. Jan Selings Okkes), van Amsterdam naar Newcastle.

LC 130137
Blijkens de menigvuldige treurige zeeberichten, hebben de in het laatst des vorigen jaars ondervonden stormen weder ontelbare schaden en ongelukken te weeg gebragt.
Zo is, volgens bericht uit Harlingen, op Ameland een met hout beladen Noords vaartuig gestrand, zonder dat van de equipage enig spoor is ontdekt; benevens het van Amsterdam naar Hamburg bestemde schip die DREI GEBRÜDER, kapt. F. Brechwoldt (opm: zie LC 310137), hetwelk echter later lek en met veel schade naar Harlingen is gesleept.
Het van Bergen naar Amsterdam bestemde schip de JONGE RENGER (opm: kof, bouwjaar 1818), kapt. J.J. Brouwer, is als wrak te Mundesley (opm: 52º52’ NB 01º26’ OL) binnengesleept; er wordt van Guernsey op 31 december gemeld, dat hetzelve door een van Kopenhagen aldaar aangekomen schip ontmoet was en slechts een man der equipage van het wrak gered was, zijnde alle overige manschappen (opm: waaronder kapt. Jude Juis Brouwer) reeds verdronken.
(opm: ZP 310538 meldt dat de Nederlandse kof JONGE RENGER, geen naam van een kapitein genoemd, op 27 mei zonder bemanning bij de haven van Mundesley is aangedreven; misschien in 1837 op een bank gezet en bij hoogwater in oktober 1838 weggedreven?)
Het van Rotterdam naar Dundee bestemde schip THE CROWN is op Goodwin Sand verongelukt, waarbij een matroos is verdronken; de overige manschap is, na twee etmalen in het want gezeten te hebben, geheel bewusteloos gered. Het schip SOPHIA MARGARETHA, kapt. F. Halsloop, van Stettin (opm: Szczecin) naar Antwerpen gedestineerd, is bij Clay gestrand en verbrijzeld; van de bemanning heeft men slechts een persoon kunnen redden. Op Nordthbrakehead is het van Hamburg naar St. Thomas bestemde schip HELENA, kapt. A. Fyhn, verongelukt, waarbij de gehele equipage in de golven is omgekomen, enz. De Engelse papieren bevatten de treurigste berichten wegens de voorgevallene zeeschaden.


14 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Kapt. K.H. Plukker, voerende het schip (opm: schoenerkof) MARTHA ALIDA, van Cardiff naar Amsterdam in Texel binnen, meldt van het Nieuwe Diep van 10 dezer, dat hij, na eerst een anker en touw verloren te hebben, den 22 december 1836 van Cardiff vertrokken en den 24 dito 1836 door een zware storm belopen geworden was, waarbij de boot verbrijzeld en enige zeilen en de grote rust (opm: bevestigingsplaats van het want van de grote mast) aan bakboord was weggeslagen, zodat de grote mast alleen staande gebleven is door die met twee kettingen onder het schip door te bevestigen.
Voorts rapporteert kapitein Plukker, den 1 januari op 49º20’ N.B. 6º W.L. gepraaid te hebben de schepen HAVANNA PACKET, kapt. J. Visser, van Amsterdam naar Havanna, en AURORA, kapt. A.J. de Boer, van Amsterdam naar Genua en Livorno, alsmede een driemast kof, tonende de vlag van het College Zeemanshoop met No. 363, zijnde die van kapt. J.J. Boon, voerende het schip WEST-INDIÉ, van Amsterdam naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Volgens brief van Den Helder van den 10 dezer, was door de kapitein van een aldaar aangekomen schip 8 januari gezien een brik, tonende vlag van het College Zeemanshoop No. 317, zijnde kapitein J. Jansen, voerende het schip BRISEIS, van Smirna (opm: Smyrna, thans Izmir) naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Kapt. T.M. Gnodde, voerende de Nederlandse kof LISETTE CAROLINE, van Bordeaux naar Amsterdam in het Nieuwe Diep binnen, rapporteert, dat hij den 29 december 1836, Heysant (opm: Ouessant) 14 Duitse mijlen (opm: à 7.407 m.) in peiling N.N.O. van zich, hebbende in zinkende staat en zonder provisie ontmoet heeft de te Cork thuisbehorende brik MARY ANN, kapt. J. Griffith, met steenkolen van Cardiff naar Cork, bij welke zich reeds aan boord bevond de gehele equipage van de vroeger verlaten mede te Cork te huis horende brik ELISABETH, kapt. J. Philpot, met steenkolen van Newport naar Cork, welke beide equipages, ten getale van veertien man door hem (opm: Gnodde) werden gered.
Voorts heeft kapitein Gnodde den 1 januari gepraaid het schip CONCORDIA, kapt. J.E. Kwakenburg, van Bordeaux naar Amsterdam, en den 3 dito de te Hull thuisbehorende brik PERSEVERANCE, welke beide hij te vergeefs om enige voor de vermeerderde bemanning benodigde proviand verzocht, verklaarde de eerste zelf weinig en de tweede niets in voorraad te hebben. Den 4 januari praaide hij, naar gissing de Sorlings (opm: Scilly Eilanden) 6 Duitse mijlen N.O. van zich te hebben, de te Sunderland te huis behorende brik ORLANDO, kapt. J. Coulson, onderweg naar Londen, aan welke hij de veertien manschappen overgaf.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 januari. Te Pillau (opm: Baltiysk) en Koningsbergen (opm: Kaliningrad) zijn gedurende het jaar 1836 aangekomen 680 en van daar uitgezeild 688 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De stoomboot PRINSES MARIANNE, zal op morgen, zondag den 15 januari, de dienst van het Beurtveer van Middelburg naar Rotterdam hervatten. (opm: zie RC 300337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Directie der ’s Hertogenbossche Stoomboot-Sociëteit maakt bekend, dat zij haar gewone Dienst tussen Rotterdam en ’s Hertogenbosch zal hervatten, te beginnen maandag den 16 januari aanstaande; van ’s Hertogenbosch op Rotterdam maandag, woensdag en vrijdag, des morgens ten 8 ure; van Rotterdam op ’s Hertogenbosch zondag. dinsdag en donderdag, des morgens ten 8 ure;
zaterdag van Rotterdam op Gorinchem, des morgens ten 8 ure; van daar terug naar Rotterdam des middags ten 12 ure, na de aankomst der stoomboot JULIA van ’s Hertogenbosch;
tussen ’s Hertogenbosch en Gorinchem aanvang nemende zaterdag den 21 januari aanstaande, dagelijks van ’s Hertogenbosch ten 8 ure, en van Gorinchem des middags ten 12 ure, except (opm: behalve) zaterdag niet voor de aankomst der stoomboot van Rotterdam.
Bij de aankomst der stoomboot te Rotterdam vertrekt dadelijk een diligence naar ’s Gravenhage, rijdt des morgens weder uit ’s Gravenhage, om vóór het vertrek der stoomboot te Rotterdam aan te komen;
bij de aankomst der stoomboot van ’s Hertogenbosch te Gorinchem vertrekt er een diligence naar Utrecht en Amsterdam, welke des morgens van Amsterdam en Utrecht afrijdt, om vóór het vertrek der stoomboot op ’s Hertogenbosch te Gorinchem aan te komen; bij de aankomst der stoomboot te ’s Hertogenbosch vertrekt er een diligence naar Eindhoven, die des morgens te Eindhoven afrijdt, om vóór het vertrek der stoomboot te ’s Hertogenbosch aan te komen.


17 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Den 14 dezer arriveerde te Helvoetsluis VROUW HENRIETTE, H.F. Klie, van Liverpool.
Den 15 arriveerde HENDRIKA, O.H. Brating, van Leer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Kapitein R.R. Keizer (opm: kof DE JONGE IDA’S), van Rochefort te Amsterdam gearriveerd, rapporteert, tegen de avond van den 27 december 1836 (opm: in RC 210137 gecorrigeerd als 25 december in de ochtend) op de hoogte van Engelands Eind (opm: Land’s End) gezien te hebben het schip (opm: fregat) FLEVO, kapt. H.T. Amsberg, van Amsterdam naar Batavia, alsmede een bark, tonende de Rotterdamse vlag met No. 11.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Kapitein J.E. Kwakenburg, voerende het schip CONCORDIA, van Bordeaux in Texel binnen, heeft buiten het eiland Heysant (opm: Ouessant) gezien een Nederlandse brik, met oosten wind koers stellende op de Z.W. en tonende vlag van het College Zeemanshoop met No. 64, zijnde die van kapitein P.S. Matzen, voerende de brik CAROLINA EN JOHANNA, van Amsterdam naar Demerary.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Kapitein G.O. Sap, voerende het schip HENDRIKA van Newcastle naar Amsterdam, te Cuxhaven binnen (opm: zie RC 020137), meldt van daar van den 8 dezer, dat hij, met de mede aldaar binnengelopen en ook nog liggende de schepen HET JONGE REINTJE, kapt. R.W. Mellema, en de VROUW ALIDA, kapt. R.J. Jaski, beide van Hamburg, en AFINA (opm: VROUW AFINA), kapt. D.H. Drewes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), alle drie naar Amsterdam bestemd, bij de laatste gunstige gelegenheid tot het voortzetten van hun reizen door de harde wind en dik weder (opm: slecht zicht) belet was geworden om uit de haven, die bijna geheel vol schepen lag, te halen. De Boven Elbe was nog met ijs bezet en de doorvaart geheel gestremd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Gedurende de maand december 1836 zijn door het Kanaal van Voorne 118 zeeschepen gevaren; 58 te Hellevoetsluis ingekomen en 60 uitgevaren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 januari. Volgens brief van Medemblik, van den 12 dezer, was tegen het Vriesche Vlaak gevonden een galjas, zonder ankers, touwen of boegspriet en beladen met koper, lood en stukgoederen; men zou trachten het te Medemblik binnen te brengen
(opm: RC 190137: het betrof de Zweedse galjas ALBERTINE, kapt. N. Backman, van Stockholm naar Amsterdam, die met behulp van twee vissersschuiten op 13 december te Medemblik is binnengelopen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G. Duuring, G. Duuring jr., A.C. Dalen jr., E.L. Jacobson, D. van den Abeelen, J. Kolff, J.F. Sauerbier, L.L. Jacobson en J. Sinderam, makelaars te Rotterdam, als last hebbende van hunne meesters, zullen, ten overstaan van de Heer Griffier van de Rechtbank van Koophandel, na gedane aangifte conform de wet, op donderdag den 26 januari 1837, na afloop der veiling van 11650 balen koffie, in het Huis der Notarissen, aan de Gelderschekade, verkopen: 1733 balen Sumatra koffie, door het schip AUGUSTIN, kapitein G. Mulder, van Batavia alhier aangebracht, en dat bij kavelingen zoals die nader door de uit te geven notities zullen worden aangegeven. Nadere onderrichting bij bovengemelde makelaars.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van Texel van 11 januari, was de vorige dag op de rede gevist en aldaar aangebracht, een bijna nieuwe, van buiten geel geschraapte scheepsboot met een rood wit en blauw randje, van binnen groen, met de naam J.V. Visser beschilderd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. G.O. Sap, voerende het schip HENDRIKA, van Newcastle naar Amsterdam, te Cuxhaven binnen, meldt van daar van 8 januari, dat hij met de aldaar binnengelopen en nog liggende schepen, het JONGE REINTJE, kapt. R.W. Mellema en de VROUW ALIDA, kapt. B.J. Jaski, beide van Hamburg en AFINA, kapt. R.H. Drewes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), alle drie naar Amsterdam, ROELINA, kapt. R.J. Pronk, van Hamburg naar Engeland en ARENTINA HENDRIKA (opm: kof), kapt. Arend H. Breeland, van Hamburg naar Bordeaux, benevens nog enige andere naar Amsterdam bestemd, bij de laatste gunstige gelegenheid tot het voortzetten van derzelver reizen, door de harde wind en dik weder (opm: mist) belet waren geworden om uit de haven, welke bijna geheel vol schepen lag, te halen.
De Boven-Elve (opm: Boven-Elbe) was nog met ijs bezet en de doorvaart geheel gestremd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Langs de Franse kust, in het Kanaal is sedert de jongste stormen een menigte onbekende wrakken en lijken aangespoeld, hebbende men alleen bij St. Vaux (opm: vermoedelijk St.-Germain-de-Vaux, 49º41’ N.B. 1º54’ W.L.) 117 lijken gevonden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. A.J. van Roijen, notaris te Onderdendam, zal op woensdag 25 januari aanstaande, des morgens te tien uur, ten huize van Sijmen J. Weg te Onderdendam, publiek veilen en verkopen: een overdekt tjalkschip, genaamd FROUKE groot 42 ton, lang 17 el 15 dm, breed 2 el 73 dm, in het hol 1 el 36 dm, met complete inventaris, thans liggende te Baflo, wordende bevaren door schipper B.F. Elderman c.s.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 7 januari de schoenerschepen SARAH EN HELEN, kapt. T. Atkins, van Leith, en ORWELL, kapt. J. Hall, van Londen.
Den 9 dito het schoenerschip UNION, kapt. R. Winter, van Londen.
Den 12 dito het schoenerschip FAME, kapt. S. Holeman, van Londen.
Den 13 dito het schoenerschip LIVELIJ, kapt. S.H. Finch, van Londen.
Uitgezeild: Den 8 Januarij het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, naar Londen.


18 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

In de maand juni (opm: 1836) was tussen Padang en Natal door de matrozen zelve afgelopen (opm: doen stranden) de gouvernementsschoener DOLPHIJN, welk vaartuig een som van NLG 30.000,- naar de laatstgenoemde plaats moest overbrengen; de gezagvoerder Zeba, benevens de stuurman waren door de muiters vermoord geworden. Zr. Ms. korvet VAN SPEYK en enige kruisprauwen waren uitgezonden om het vaartuig op te sporen en de muitende manschap in handen te krijgen.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 13 januari. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip JOHANNA SUSANNA, kapt. J.B. Berest, met twee passagiers, de 3e januari vertrokken van China. De lading bestond uit 1.000 picol galingal-wortelen, 300 manden radix chin., 400 kistjes anijszaad, 1.000 balen ledige zakken, 1 krat lakwerk, 38 kisten manilla-sigaren, en 100 dozen stenen.


19 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Het schip ANNA KATARINA, kapt. P. Bakker, van Amsterdam naar Batavia te Deal binnengelopen, heeft den 21 december 1836 met een gunstige gelegenheid de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Kapitein R. Maalsteed, voerende het fregat JOHANNA met koffie en suiker, den 25 september 1836 van Batavia en den 15 november 1836 van St. Helena naar Amsterdam vertrokken, den 9 dezer, vrezende wegens het ijs niet in Texel te zullen kunnen binnenkomen, met enige schade aan de braadspil (opm: horizontaal spil van het ankergerei) te Cowes binnengelopen, meldt van daar den 12 dezer, dat den 25 september 1836 met hem van Batavia is gezeild het schip LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, kapt. E.M. Chavelier, van Tagal naar Dordrecht;
als ook dat hij die zelfde dag heeft gezien in de Straat Sunda, bij Pulo Babi, een bark, tonende de vlag van het College Zeemanshoop met No. 150, zijnde kapitein H. Eeltjes, voerende het schip de ONDERNEMING van Middelburg, laatst van Rio Janeiro, en een schip, tonende de Rotterdamse vlag No. 125, zijnde kapitein Anne Glazener, voerende het schip KORTENAER, van Rotterdam, en gepraaid het schip MACASSAR, kapitein H. Poppen, en bij Anjer het schip ELIZABETH (opm: ELISABETH), kapt. F. Fokkens, beide van Rotterdam naar Batavia, zijnde aan boord van het laatste alles wel. (opm: zie LP 100137)
Op 4 november 1836 praaide kapt. Maalsteed op 35º4’ Z.B. en 19º47’ O.L, op het Kaapsche Rif, aan boord alles wel zijnde, het schip RIO DE JANEIRO PACKET, kapt. B.M. Corbiere, van Amsterdam naar Batavia, laatst van Rio-Janeiro en de Kaap de Goede Hoop, van waar het den 2 dito vertrokken was.
Op 6 januari ontmoette kapt. Maalsteed op 48º42’ N.B. 11º40’ W.L. de bark ALBION, gevoerd geweest door kapt. Thomson, met hout van Quebeck naar Gloucester, hebbende het boventuig, het roer, de boten en alles wat op het dek was verloren, zijnde in zinkende staat drijvende op de lading, zonder volk, doch met een lijk, in het grote want vastgebonden. (Deze laatste [opm: de bark ALBION]) was reeds vroeger, op den 25 december 1836, door kapt. T.K. Mulder (opm: kof MARGRETHA), van Rotterdam, te Liverpool gearriveerd, ontmoet en vier man van haar equipagie gered en te Liverpool aangebragt geworden). (opm: berichtgeving van kapt. Maalsteed bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Te Antwerpen zijn in het jaar 1836 uit zee aangekomen 1254 schepen, zijnde 65 meer dan 1835.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Te Memel (opm: Klaipeda) zijn in 1836 aangekomen 793 schepen, waarvan 434 onder Pruissische, 147 onder Engelse en 47 onder Nederlandse vlag.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Aangaande het wrak met Noordse balken op Ameland gestrand (opm: zie RC 100137), wordt van Harlingen van den 12 dezer bericht, dat aan boord daarvan is gevonden een bordje, waarop met gele letters: P.N. Pedersen; als ook dat nog op Ameland is aangespoeld een ander naambordje, waarop mede met gele letters: AURORA; men kon echter niet met zekerheid bepalen, dat dit laatste van het gemelde wrak afkomstig zou zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 januari. Het schip (opm: kof) de TWEE VRIENDEN, kapt. G.S. Bakker, van Marennes naar Dordrecht, is te Deal binnengelopen en was, met het schip MARGARETHA, kapt. W. Barcham, van Londen naar Batavia, den 11 dezer aldaar nog liggende.


20 januari 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip DIANA kapt. A.B. de Jong, van Hull naar Antwerpen, te Grimsby binnen, heeft na volbrachte reparatie op 10 januari de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. Braam, met zout van Tremblade (opm: La Tremblade, Gironde) naar Dordrecht is na 23 dagen in zee geweest te zijn en bij de Equilles, door aanzeiling van een Engels schip een kabel gebroken te hebben op 11 januari te Cowes binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. F.S. Reiding van Lijphart, notaris te Appingedam, gedenkt men op donderdag 23 februari 1837, des voormiddags te tien uren, ten huize van kastelein W.K. Bos te Appingedam, publiek verkopen: het smakschip ELISABET, groot 77 ton, met deszelfs complete inventaris, bevaren geweest bij G. Verkade. Inmiddels uit de hand te koop. Gegadigden kunnen zich vervoegen bij de heer G. Homan, te Appingedam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Een met graan en landverhuizers beladen geweest zijnde, groot Amerikaans schip is ondersteboven drijvende gezien zijnde, zo men volgens brief van Hamburg van 11 januari vermoedde het schip TIBER, kapt. Peter A. Oliver, van Bremen naar New York.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een à twee scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen dadelijk werk bekomen bij Willem L. van der Schaaf, scheepstimmerbaas te Franeker.


21 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. In het jaar 1836 zijn te Bremen uit zee aangekomen 1779 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Te Croonstad zijn, van den 22 april tot den 22 december 1836 (opm: de ijsvrije periode), binnengekomen 1285 en van daar uitgezeild 1271 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Den 19 januari zeilden van Helvoetsluis de JONGE ADRIANA, J.M. Hempel, en ELIZA, S.G. Molenaar, naar Batavia; CERES, J. Noord, en de VROUW NEELTJE, K. Parrel, naar Liverpool; de VIJF GEBROEDERS, C. van der Hoeven, naar New-York; HARMONIE, C.J. Reus, naar Triëst, en arriveerden ELISABETH, H. Pothoff, van Marseille, en MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, van St. Davids.
Den 20 zeilden MAASSTROOM, P.S. Schuil, en MADURA, P.C. Ham naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Den 19 zeilden uit de Maas de VROUW JOHANNA, S. Post, naar Lissabon; FEMMEGINA, H.J. Puiser, naar Londen. De wind O.
Den 20 zeilden PRINSES VAN ORANJE, H.C. Kool, naar Duinkerken; ALIDA GIEZEN, J.J. Zelling, naar Londen; WILHELMINA, F. Lamstrom, naar Hull.
Den 19 dezer zeilde van Maassluis JAN HENDRIK, H. Kuyt, naar Rouaan; NIJVERHEID, H. de Kromme, en ALGEMEEN BELANG, J. Warnaar, naar de Noord Zee.
Den 20 zeilden de HOOP, J. Buteyn, naar Newcastle; ALIDA, C.W. de Boer, naar Hull; ZORG EN VLIJT, J.R. Berghus, ZORGVLIET, A.J. Hubert en GEZINA, P.P. Muntendam, naar Belfast, CHRISTINA, R.J. Dood, naar Nantes, WILHELMINA, L. Maasdijk, naar Havre, en AURORA, H.H. Krul naar Dieppe.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Den 14 dezer is te Terschelling gestrand een brik met balken geladen, waarop geen volk is bevonden noch enig ander kenteken, zodat zij door de equipagie verlaten schijnt te zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 januari. Volgens brief van Texel, van den 17 dezer, is den 13 dito achter De Koog, aldaar, aangedreven de spiegel van een schip, waarop JOHN AND JANE of Sunderland, waarschijnlijk afkomstig van het schip JOHN AND JANE, kapt. John Purse, van Amsterdam naar Londen, van hetwelk, sedert het vertrek uit Texel van den 21 december 1836 niets vernomen is geworden, en dus vrij zeker geheel verongelukt zal zijn; zijnde ook reeds de boot van dat schip, met een quadrant (opm: instrument voor de hoekmeting met een cirkelsegment van 90º) daarin, bij Lowestoffe (opm: Lowestoft) opgevist.


  AH - Algemeen Handelsblad

Parijs, 12 januari. De JOHANNA, kapt. Schutt (opm: buitenlander), van Napels naar Marseille, de bliksem in het schip geslagen zijnde, is de 27e december door het volk verlaten geworden.


  AH - Algemeen Handelsblad

De ZEVEN GEBROEDERS, kapt. Wriede, van Hamburg naar Newcastle, is de 14e januari bijna geheel wrak te Bridlington binnengelopen.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 17 januari. Heden is hier aangekomen het Nederlands-Indische schip MEDORA, kapt. J.H. Laws, de 5e januari vertrokken van China.


22 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregat DILIGENCE, kapt. Hendrik Bos.
Adres bij Floris der Kinderen.
Batavia (via Kaap de Goede Hoop). Het gekoperd tweedeks barkschip DERHIJN, kapt. Coenraad Brandligt.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en de Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip de VROUW HENDRIKA, kapt. Hendrik Zoetelief.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en de Vries en Comp.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip WILHELMINA EN MARIA, kapt. J.C. Atkes. Adres bij Hoyman en Schuurman en de Vries en Comp.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DINA MARIA, kapt. Albert Ahlers Jr..
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DE HARMONIE, kapt. Dirk Spreeuw.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het tweedeks barkschip DE EENSGEZINDHEID, kapt. Casper Meijer.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd brikschip DE SNELHEID, kapt. Claus Wessels. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks brikschip DE VERWACHTING, kapt. Engel D. Dekker. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Philadelphia en Charleston. De gekoperde schoenerbrik VAN SPEIJK, kapt. E. Visser.
Adres bij Olivier en Co.
Bayonne. Het Nederlandse smakschip DE VERWACHTING, kapt. I. A. Hansen.
Adres bij Jan Corver en Co. Vertrek vóór of op 21 januari.
Bordeaux. Het Nederlands kofschip MARIA THERESIA, kapt. Casper Hendriks Uil.
Adres bij Frederik Smit.
Genua en Livorno. Het Nederlands kofschip JOHANNA DE VRIES, kapt. Lammert C. de Vries. Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
Lissabon. Het Nederlandse galjootschip DE ONDERNEMING, kapt. J. Engelenberg.
Adres bij Jan Daniëls en Zonen en Arbman eb Coopman en de Witt en Lenaertz.
Hamburg en Altona. Het smakschip DE VROUW REGINA, kapt. K.P. Kievit.
Adres bij Blikman en Co.
Hamburg en Altona. Het Nederlands schip DE ZES GEBROEDERS, kapt. H. Waterborg. Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlands schip DE VROUW GEZIENA, kapt. H.J. Brunius.
Adres bij de weduwe Jan Salm en Meijer.


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Constantinopel (opm: Istanbul, geen datum). Wij vernemen uit Tschanak Kalé (opm: Çanakkale) aan de ingang van de Dardanellen, dat het Nederlandse schip ADRIANA JACOBA, van Odessa naar Bordeaux, door piraten is aangevallen terwijl het nabij Lampsakus (opm: Lâpseki) in de Zee van Marmara voor anker lag; zij hebben een matroos gedood en de sloep meegenomen.
(opm: zie RC 020237).


23 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De 18e januari bevond zich op de hoogte van Wijk, ¾ mijl van land, het schip SARA MARIA,, kapt. J.J. Reinhardt, komende van Samarang. Het had een loods aangenomen om binnen te loodsen. Het was de 20e december in het Engelse Kanaal geweest en de 9e januari voor Kamperduin. Het heeft veel met storm gesukkeld; de equipage heeft veel geleden en is zwak.
(opm: de SARA MARIA is de 21e januari te Texel binnengelopen)


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip ELISABETH, kapt. P. Pijbes, van Amsterdam naar Suriname, te Gravesend binnen, heeft de 15e januari de reis voortgezet.


24 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Blijkens een brief van de kapitein ter zee A. de Monyé, commanderende Zr.Ms. fregat DE ZAAN, d.d. 29 december j.l, bevond die bodem zich toen in goede staat zeilende op 40º55’ NB 13º46’ WL; aan boord was alles wel. Men herinnert zich, dat genoemd schip den 24 december j.l. van Texel uitgezeild en dus aan de hevige noord-oosten storm blootgesteld is geweest, die gedurende de Kerstdagen heeft gewoed.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. In het verlopen jaar 1836 zijn te Dantzig (opm: Gdansk) uit zee aangekomen 856 en naar zee gezeild 862 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Den 22 januari arriveerde te Helvoetsluis CATHARINA, F. Rietmeyer, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. In het Vlie is aangespoeld een partij delen (opm: dikke planken), vermoedelijk afkomstig van een in de Eierlandsche Gronden verongelukt schip.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Te Terschelling is aangespoeld een spiegel van een boot, waarachter met gele letters SPRING Hull, en van binnen John Waddington.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Volgens brief van Texel, van den 17 dezer, was den 14 dito op Terschelling aangedreven en gestrand een grote, vermoedelijke Engelse brik, door het volk verlaten, beladen met vierkante Oostzeese balken, planken en ribben, waarschijnlijk Memelse (opm: uit Klaipeda), hebbende op de spiegel de letter H. & M; van scheepspapieren, kapiteins-naam, destinatie, of ander herkenningsteken had men nog niets ontdekt, doch men zou trachten zulks nog in het wrak op te sporen.
(opm: zie RC 260137)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. De schepen de JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, van Marennes naar Dordrecht, die UNTERNEMUNG, kapt. H.A. Jongebloed, de VROUW BARBARA, kapt. H. Abrahams, NEPTUN, kapt. J.P. Visser, ST. PIERRE, kapt. G. Guillaume, en de VROUW ANNA, kapt. N. Wilkens, alle vijf van Antwerpen naar Rotterdam, zijn, volgens brief van Vlissingen van den 17 dezer, van daar binnendoor opgezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Het schip ELIZABETH (opm: ELISABETH), kapt. P. Pybes, van Amsterdam naar Suriname, te Gravesend binnen (opm: zie PGC 100137), heeft den 15 dezer de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 januari. Het schip KINDERDIJK, kapt. J.A. Bangma, van Rotterdam naar New-York, te Ramsgate binnen, heeft den 15 dezer de reis voortgezet.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Uitgezeild: Den 18 januari de schoenerschepen UNION, kapt. R. Winter en ORWELL, kapt. J. Hall, beide naar Londen.
Den 19 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Schotland.
Den 20 dito de kofschepen GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, naar Liverpool en H. & Z, kapt. S.K. de Vries, naar Havannah.
Binnengekomen: den 16 januari het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. J.J. Wiersma, Notaris te Sneek, zal, ten huize van de Logementhouder Cornelis van der Wis, aldaar, bij de finale toewijzing, tegen verhooggeld verkopen:
Het geoctroijeerde Veer van Sneek op Harlingen et vice versa, en de beide daartoe dienende hechte en prompt onderhoudene Snikschepen, met derzelver zeil en treil, staand en lopend want, haken, bomen en verdere losse goederen, volgens inventaris, en zulks in twee percelen, met regt van zamenvoeging.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr J.J. Wiersma, Notaris te Sneek, gedenkt publiek bij strijk- en verhooggeld, te verkopen: een voor korte tijd geheel vertimmerd en prompt onderhouden Blokzijler Jachtschip, groot 32 ton, met derzelver zeil en treil, staand en lopend want, haken, bomen en verdere losse goederen daarbij aanwezig, alles in complete staat en zodanig hetzelve in de Geeuw, even buiten het Hoogend te Sneek gelegen is, dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden.
Wie gading maken, komen op dinsdagen den 31 januari 1837, des avonds ten zeven ure, bij de provisionele toewijzing, ten huize van de Weduwe Jarig Hilles Meijer, in het Hooghuis te Sneek en den 14 februari daaraanvolgende, des middags ten 12 ure, bij de finale palmslag, ten huize van Liske Stuvenberg, in de Stads Herberg aldaar, en kopen op conditiën als dan voor te lezen, welke inmiddels te vernemen zijn ten Kantore van voornoemden Notaris.


25 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 24 januari. Met de 10e der volgende maand zullen worden in dienst gesteld Zr.Ms. korvet TRITON, liggende te Willemsoord, onder kapt.luit.t.zee A.C. Edeling, en Zr.Ms. brik PEGASUS, liggende te Hellevoetsluis, onder kapt.luit.t.zee J. Boelen Jzn.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 20 januari. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip het SCHOON VERBOND, kapt. B. Draijer, de 10e januari vertrokken van Canton.


26 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Den 23 januari arriveerden te Helvoetsluis JAVA, H. Peters, van Batavia, en EENDRAGT, C. Ouwehand, van Triëst.
Den 24 dito arriveerde FLORA, D. Rooderkerk, van Cette (opm: Sète).
Er lagen twee hoekers onder quarantaine op de rede (opm: de VRIENDSCHAP, J. Kwakkelsteyn, van Messina, en EENDRAGT, J. van Gelderen Jr, van Smyrna [Izmir]).
Den 24 dito arriveerde DOLPHIJN (opm: kof), B.J. Bakker,van Alexandria in Virginië (opm: Ver. St.).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Den 22 dezer zat op de Haaks een onbekende kof met alle zeilen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Aangaande de brik op Terschelling gestrand (bevorens gemeld [opm: zie RC 240137]), wordt van Texel van den 20 dezer bericht dat zij vermoedelijk zal zijn de te Hull tehuis behorende, gekoperde en met koperen bouten gebouwde brik the SPRING, kapt. John Waddingham, zijnde ook door een op Terschelling aanwezige en op Hull varende kapitein daarvoor herkend geworden; de gehele lading en inventaris zouden geborgen worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Het schip de VROUW JANTINA, kapt. J.O. Kuiper, van Sunderland naar Amsterdam, te Grimsby met verlies van het roer binnen, is den 17 dezer aldaar in de haven gehaald om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Het schip JOHANNA, kapt. J.S. Roggensack Jr, van Nerva (opm: het eiland Narva, 60º14’ NB 27º57’ OL) naar Amsterdam, is den 17 dezer te Harwich binnengelopen met gescheurde zeilen en verlies der grote ra, verschansingen, deklast, enz.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Het schip CERES, kapt. J. Cederberg, van Amsterdam naar New-York, te Cowes binnen (bevorens gemeld), was den 16 dezer nog aldaar in de haven liggende, geheel gereed om de reis voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 januari. Op de hoogte van Westkapelle, O.Z.O. is in goede staat zeilende gezien het schip (opm: bark) ELISABETH MARIA, kapt. E.R. Borchers, van Amsterdam naar Brazilië.


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 23 januari. Voor Antwerpen bestemd is alhier ter rede gekomen de MERCUUR, kapt. J.F.P. Smit, van Alexandria, ligt in quarantaine.


27 januari 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip BOUWINA HENDRIKA, kapt. J. de Haan, van Libau (opm: Liepaja) naar Roscoff, is voor 10 januari op het eiland Batz (opm: Île de Batz) (Fr) binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris Waubert de Puiseau, in de Lemmer, zal, op zaterdagen den 28 januari en 11 februari 1837, telkens des avonds ten 6 ure, in het Logement de Wildeman aldaar, veilen en verkopen: een Veerschip, varende van de Lemmer op Gorredijk en vice versa, benevens het geoctroijeerde regt van het Veer, zodanig als hetzelve thans nog bij Rienk Harkema wordt bevaren, met de daartoe behorenden inventaris; acht dagen na de toewijzing te aanvaarden.


28 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Den 25 dezer zeilde van Helvoetsluis NEÊRLANDS KONING, M. Schaap, naar Batavia, gesleept wordende door Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO; zijnde echter beide door de dikke mist over het Pampus ten anker gekomen.
Den 26 dito zeilden de VROUW GRIETJE, J. de Vries, naar Antwerpen; HENRIETTE, J. Willems, naar Suriname; de HOOP, J. Guyt, naar Liverpool; MARIA EN ADRIANA, P. Janzen, naar New-York; CATHARINA ELSINA, H.A. Schuuring, naar Leith; HARMONIE, J. Rooderkerk, naar Londonderry; MINERVA, J.H. Knol, naar Hull; NEÊRLANDS KROONPRINS, J. van der Meyde, naar de Middellandse Zee; ONDERNEMING, G.B. Flik, naar Marseille, en HOOP EN VERWACHTING, K.K. de Boer, naar Bordeaux, welke echter voor het Pampus ten anker gekomen zijn, en arriveerde ANJER, J.C. Jansen, van Batavia.
De wind N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Het schip RESOLUTIE, kapt. J.N. Snijders, van Batavia naar Amsterdam, is, volgens particulier bericht van Den Helder, den 24 dezer binnengaats aangekomen en in het Schulpengat geankerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Het Hamburger galjoot MARIA MAGDALENA, kapt. M.C. Frers, met ijzer, van Cardiff naar Bremen, is, volgens brief van Texel van den 24 dezer, de vorige ochtend bij zware mist, op de Noorder-Haaks aldaar gestrand en dadelijk vol water gelopen; de equipagie heeft zich met de boot gered en is op Texel aangekomen, doch van het schip of van de lading zal waarschijnlijk niets geborgen kunnen worden. (opm: zie RC 020237)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Het schip AZIA, kapt. A. Ritchie (opm: Amerikaanse vlag), van Soerabaya, Samarang en Batavia, is te Middelburg aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 24 januari:
Te St. Helier is gearriveerd RHOON EN PENDRDECHT (opm: fregat), van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Kapitein E.P. Dik, voerende het schip VRIENDSCHAP, met stukgoederen van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin), te Swinemünde (opm: Swinoujście) aangekomen (bevorens gemeld), bericht van daar van den 20 dezer, dat hij wegens het ijs nog niet had kunnen opzeilen, en echter hetzelve (opm: het ijs) nog niet sterk genoeg was om de lading daar over op te zenden; in geval niet spoedig enige verandering daar in kwam, zou hij de aan bederf onderhevige goederen lossen en aldaar in een pakhuis opslaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Te Sheerness is aangebragt een anker en ketting, vermoedelijk afkomstig van een op de Kentish-Knock (opm: bank in de aanloop naar de Theems; 51º37’ N.B. 01º31’ O.L.) verongelukt Hollands schip.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 27 januari:
Te Penzance is gearriveerd NEDERLANDER (opm: kapt. C. Hofker), van Suriname, en is den 24 naar Amsterdam gezeild, en Haasnoot (opm: voert dan de kof HOOP EN VERWACHTING), van Lissabon naar Amsterdam, zijnde masteloos binnengesleept.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 januari. Het schip (opm: smak) de VIER GEZUSTERS, kapt. H.H. Middel, van Sunderland naar Amsterdam, is den 24 december 1836 voor Terschelling van een loods voorzien geworden, doch heeft als toen wegens harde oostelijke wind aldaar niet kunnen binnenlopen; sedert is niets die aangaande vernomen geworden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Harderwijk, 25 januari. Gisteren is van hier te water naar het Nieuwe Diep vertrokken het detachement, sterk 200 manschappen, om met de eerste gunstige gelegenheid met het schip PRESIDENT SCHIMMELPENNINK naar Java te worden overgevoerd, zijnde dit het zelfde transport, dat reeds de 28e december j.l. zou vertrokken zijn, doch hetwelk is uitgeteld geworden uit hoofde, dat gemeld schip te Alkmaar in het ijs was vastgeraakt.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 26 januari. De 24e dezer zijn hier aangekomen het Nederlandse schip GENERAAL BARON VAN GEEN, kapt. J.J. Kortrijk, met een passagier, de 21e oktober vertrokken van Dordrecht, dito schip PALEMBANG, kapt. G.L.J. van der Hucht, met enige passagiers, de 18e oktober vertrokken van Amsterdam, en dito schip HELENA CATHARINA, kapt. B.J. Martens, met drie passagiers, de 22eoktober vertrokken van Rotterdam.
Gisteren is hier aangekomen het Nederlandse schip KOLONEL KOOPMAN, kapt. A.L. van der Valk, met drie passagiers en Zr.Ms. troepen, de 21e oktober vertrokken van Rotterdam.
Heden zijn hier aangekomen Zr.Ms. korvet CASTOR, kapt.luit.t.zee F.H. Ampt, met een passagier, de 6e oktober vertrokken van Texel, het Nederlandse schip PRINCES MARIANNE, kapt. A. Plug, met Zr.Ms. troepen, de 15e september vertrokken van Rotterdam, en het dito schip MIDDELBURG, kapt. C. Riekels, met Zr.Ms. troepen, de 6e oktober vertrokken van Middelburg.


30 januari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens brief van kapt. Cornelis Höfker, voerende het schip de NEDERLANDER, van Nickerie naar Amsterdam, in dato buiten de Baar van Nickerie de 25e november, was hetzelve bij het uitzeilen van daar op de bank aan de grond geraakt, doch, na de lading gelost te hebben, weder vlot geworden; geheel dicht gebleven en de lading bereids weder ingenomen zijnde, was hij de 23e dito over de Baar gezeild en dacht hij de 27e dito de reis voort te zetten.


31 januari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Blijkens ontvangen berichten uit Rio-Janeiro van den 1 en 10 december jongstleden (opm: 1836) was Zr.Ms. fregat BELLONA, gecommandeerd door de kapitein ter zee Arriens, en aan boord waarvan zich Z.K.H. Prins Frederik Hendrik der Nederlanden bevindt, den 29 november, na een zeer voorspoedige overtogt, aldaar aangekomen, en den 4 december door Zr.Ms. brik DE SNELHEID gevolgd. Z.K.H, die zich, even als de overige officieren op genoemde bodems, in goede welstand bevond, was te Rio met bijzondere eerbewijzen en plegtigheid ontvangen, zo van de zijde der Bevelhebbers van de Engelse, Franse en Sardinische zeemagt aldaar, als door Z.M. de Keizer van Brazilië en de Braziliaanse Regent, hebbende de laatste aan boord van de BELLONA een bezoek bij de Prins afgelegd. Behalve twee diners door de Britse schout bij nacht Sir Graham E. Hammond en de Franse schout bij nacht Dupatel, aan boord hunner vlaggeschepen, en een bal door de Bevelhebber van het Sardinische fregat EURIDICE, ter ere van Z.K.H. gegeven, had er den 8sten, ter gelegenheid van Hoogstdeszelfs aanwezigheid, een luisterrijk diner en bal bij Z.M. de Keizer plaats, waarop al de hoge staatsambtenaren, de vreemde ministers, de bevelhebbers en een aantal officieren van de ter rede liggende vreemde schepen genodigd waren. Z.K.H, was daarbij vergezeld door de kapitein ter zee Arriens en enige officieren van de BELLONA en de SNELHEID, en werd op het aangename verrast zo wel door de begroeting bij het aan wal stappen met het Nederlandse volkslied, hetwelk door de keizerlijke muzijkanten werd uitgevoerd, als door het gezigt der beeldtenissen van Z.M. de Koning der Nederlanden en Z.K.H. de Prins van Oranje, welke in de receptie-zaal waren opgehangen. Nog heeft Z.K.H. een bal met zijn tegenwoordigheid vereerd, hetwelk door de te Rio gevestigde aanzienlijke vreemdelingen gegeven en mede door de aanwezigheid van Z.M. de Keizer van Brazilië en van Hoogstdeszelfs zusters, de prinsessen dona Januaria en dona Francisca, opgeluisterd werd.
De BELLONA en SNELHEID zouden bij gunstige wind den 11 december weder onder zeil gaan, om de reis naar Batavia voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Van Helvoetsluis zeilde den 27 januari ENGELINA, R.H. Bok, naar Liverpool, en den 29 dito de JONGE ARIE, L. Hus, naar Suriname, AGATHA, D.G. Schuur, naar Dragido (opm: bedoeld is Drogheda) en JACOBA, H.R. Grimminga, naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Kapt. J.C. Jansen, van Batavia te Helvoetsluis binnengekomen, rapporteert, den 27 november laatstleden, op 5º Z.B. en 17º30’ W.L, in goede welstand gepraaid te hebben het schip (opm: fregat) PRINSES MARIANNE, kapt. A. Plug, van Rotterdam, laatst van St. George d’Elmina, met Zr.Ms. troepen, naar Batavia, hebbende in het geheel 72 dagen reis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. In Texel zijn binnengekomen W.H. Warnsink Cz, van Batavia, laatst van Cowes, en J.J. Klein (opm: fregat MINERVA, J.J. Kiers, zie RC 020237), van Suriname, welke bij het binnenkomen op de Zuidwal is vastgeraakt, doch men zou trachten hem weder af te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 januari. Kapt. R. Tjebbes, van Suriname in Texel binnen, rapporteert, dat hij den 21 dezer, na de vorige dag op de gronden (opm: het ondiepe gedeelte van de Atlantische Oceaan voor de ingang van Het Kanaal; ruwweg het gebied binnen de 100 vademlijn) geweest te zijn, gezien heeft een schip, waarschijnlijk ANTONIA, kapt. E. Speelman, van Suriname naar Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van Harlingen van den 25 dezer, was in de ochtend van den 15 dito op Ameland aangespoeld een sloep, zonder naam, en enig wrakhout en tuigagie van een Hollandse smak of tjalk, waaronder een stuk hout, met de naam van H.R. Bouiten, en twee naambordjes, waarop de GOEDE HOOP, een en ander hoogst waarschijnlijk afkomstig van het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. H.R. Bouiten (opm: bouwjaar 1819; kapt. Hindrik Rinkes Bouiten), van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, laatst van Christiansand. (opm: zie PGC 271037


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. In de Courant van den 13 dezer, no 4, is abusievelijk uit Harlingen gemeld, dat het Deens Everschip de DRIE GEBROEDERS, Kapt. F. Breekwold, met een lading stukgoed van Amsterdam naar Hamburg bestemd, lek naar Harlingen was gesleept. Ter voorkoming van misvatting en in het belang van elk dien het mogt aangaan, is het volgende de eenvoudige waarheid.
Genoemd everschip raakte den 26 december 1836 op de rede van Ameland liggende, ofschoon voor twee ankers, door het stormweder aan de grond en stootte het roer af, terwijl een hevige sneeuwjacht gepaard met drijf-ijs, de ever geheel met ijs overdekte, waardoor de boot vol ijs en water staande bijna onbruikbaar werd, bij langer toeven, tot redding te kunnen dienen. De nood werd zo dringend, dat de kapitein met zijn manschap in de avond van den 26 december.
moest besluiten naar wal te vlugten, om hulp te zoeken; welke hij geredelijk bij de Amelander vissers vond en deze gingen de volgende morgen met hun zeven schuiten, vergezeld van de kapitein en stuurman er op af, en hadden het geluk de ever te redden en in de Bogt van Ballum op Ameland op te slepen en des anderen daags hoog tegen de wal te halen. Het verlies der boot, het roer en andere zeker belangrijke zeeschaden aan ankers, schip en tuig waren het gevolg van dit ongeluk; doch het schip bleek later niet zodanig lek te zijn dat hetzelve behoefde te lossen.
In de bekomen schade werd voorzien, en een nieuw roer op Ameland gemaakt; zo dat dit schip niet lek naar Harlingen is gesleept maar thans zeil-ree ligt om deszelfs reis bij de eerste gunstige gelegenheid te vervolgen.
Ware er een geschikte haven op Ameland geweest, voorzeker had dit ongeluk kunnen voorkomen worden.
Ameland, den 20 januari 1837


01 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Corver, makelaar, zal op maandag de 27e februari 1837, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen een extra ordinair welbezeild barkentijnschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd de EENSGEZINDHEID, gevoerd geweest door wijlen kapt. Pieter Thysen Kuyper, laatstelijk door C.J. Jaski, volgens Nederlandse meetbrief lang 28 ellen 70 duimen, wijd 5 ellen 14 duimen, hol 3 ellen 60 duimen, en alzo gemeten 207 Nederlandse tonnen of 110 lasten, zijnde circa 140 roggelasten. Breder bij de inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaar. (opm: het schip werd voor NLG 8.525 aangekocht door scheepsbouwmeester J.W. Meijjes; van de verkopende aandeelhouders moest C. van Solingen Hzn de verkoop gedogen; de scheepsnaam en kapitein bleven ongewijzigd)


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 30 januari 1837: het gekoperd en met koperen bouten gehecht barkschip MARIA FREDERICA, kapt. Foeke Hiddes Zeijlstra: NLG 16.000, in slag NLG 100. Opgehouden. (opm: op 15 oktober 1839 werd de bark alsnog onderhands voor NLG 16.000 verkocht aan Gebr. Reyns, Amsterdam)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 28 januari. Gisteren zijn hier aangekomen de Nederlandse bark BANTAM, kapt. C. Schoewert, met enige passagiers, de 6e oktober vertrokken van Rotterdam, en de dito brik DE COCK, kapt. H. Schut, de 24e augustus vertrokken van dito.
Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark NEDERWAARD, kapt. M.D. Meijer, de 6e oktober vertrokken van Rotterdam.


02 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. De Javasche Couranten tot den 24 september behelzen o.a: een bericht van Batavia van den 16 september.
De extra Bombaij Courier van den 28 juli jongstleden (opm: 1836) meldt het volgende: Het (opm: Engelse) compagnieschip CLIVE, kapt. Hawkins, is heden ochtend aangekomen, van Suez den 29 juni, en van Mocha (opm: Jemen) den 7 juli, met de pakket (opm: post) van juni van Engeland. Het schijnt dat het stoomschip, hetwelk de pakketten naar Malta heeft gebragt, uit Falmouth is gezeild den 3 juni. De gemeenschap tussen Engeland en Indië (opm: Brits Indië, thans India) is alzo bij deze gelegenheid bewerkstelligd in de voorbeeldeloze korte tijd van 44 dagen.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, de Nederlandse schepen ZAANSTROOM, de JOHANNA, NEÊRLANDS KONINGIN, JAVAAN, ATIJE TORACHMAN, FATAL HAIR, DE HOOP VAN ALBLASSERDAM, LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, PEKALONGAN en FECHDER RACHMAN, brikken TWEE GEZUSTERS, JOEDEL KARIM, PEENGHOEY, de HOOP, PASSEKAN, INGSOEN en CHARLOTTA, barken ALBLAS, FATAL HAIR, POLLUX, FATHOOR RACHMAN en FESSIER, schoeners GRANIM, GOLLEK, GOANKIEN, en JONGE HEINE, Amerikaanse schepen EMILY TAYLOR, LAGODA, AZIA, CONSTITUTION, LEVANT, CEYLON, NEPONSET en CALEDONIA, brik HAMPTON en bark THOMAS HARRISON.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen WIJNHANDEL, BATAVIA, MERCURIUS, JOHANNA CORNELIA en OLIVIER VAN NOORD naar Soerabaya, SCHOON VERBOND en APOLLO naar Samarang, NEÊRLANDS KROONPRINSES naar Padang en MERCURIUS naar Amsterdam.
Te Samarang is gearriveerd de Nederlandse bark POLLUX van Batavia.
Den 15 september lagen ter rede ter rede van Soerabaya Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners CASTOR, CIRCE en JANUS, Nederlandse schepen JOHANNA FREDERIKA, SINGAPOERA, EMANUEL, CAROLINA JACOBA, GOUVERNEUR en HENRIETTE EN HENRI, brikken TEKSING, ONDERNEMER, ALIE OESOOR en ALYDA, barken ANNA AUGUSTINA, FATAL KARIM, HERMINA en MERCURY, schoeners DASSOON, CORINGA, IRIS EN WINDHOND, pantjallang BESIE, Engels schip CHARLES en brik ARGO.
Van Soerabaya zijn gezeild de Nederlandse schepen SCHELDE, AURORA en BELLONA naar Nederland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Het schip MINERVA, kapt. J.J. Kiers, van Suriname naar Amsterdam, in Texel binnen en op de Zuidwal vastgeraakt (om: zie RC 310137), is den 27 januari behulp van een loodsschuit weder af en in het Nieuwe Diep binnengebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Aangaande het (opm: Hamburger) schip MARIA MAGDALENA, kapt. M.C. Frers, van Cardiff naar Bremen, op de Noorder-Haaks gestrand (opm: zie RC 280137), wordt van Texel van den 27 januari bericht, dat het met de lading geheel weggezonken was en men niets dan een kabelketting had kunnen bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Het schip (opm: bark) ELISABETH MARIA, kapt. E.R. Borchers, van Amsterdam naar St. Thomas, was den 24 januari op de hoogte van Margate.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Het schip JOHANNA, kapt. R. Maalsteed, van Batavia naar Amsterdam, te Cowes binnen, heeft den 21 januari de reis voortgezet, doch is die zelfde avond op de rede teruggekomen, waarna het den 23 dito opnieuw de reis heeft vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. Volgens brief van kapt. E.IJ. Post, voerende het schip (opm: kof) de GEZUSTERS, van Amsterdam naar Berbice, in dato den 28 december 1836, was hij toen in goede staat zeilende op 47º20’ N.B. 2º12’ W.L.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 februari. De Hollandse kof ADRIANA JACOBA, kapt. T.J. Reus, met duigen van Globecka (opm: verminkt bericht; bedoeld is: Odessa) naar Bordeaux, is, volgens brief van Konstantinopel opm: Istanbul) van den 21 december 1836 (niet 22 november zoals bevorens gemeld is), op de ankerplaats la Prica in de Zee van Marmara, door een roverbark aangetast geworden; de rovers aan boord geklommen zijnde hadden de op wacht staande matroos vermoord en twee andere tot zijn hulp bijgesprongen matrozen gekwetst, en daarna het gehele schip doorzocht, doch niets vindende, het weder verlaten. (opm: zie LP 220137)


03 februari 1837


  AC - Amsterdamsche Courant

Curaçao, 4 december 1826. Zr.Ms. korvet van oorlog PALLAS, kapt. H. van de Velde, is de 23e november j.l. van Puerto Cabello alhier aangekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Strandvonder in de Grieterij Westdongeradeel, zal, op donderdag den 9 februari 1837, des namiddags ten 2 ure, ten huize van W.A. Post, kastelein in het Moddergat onder Nes, publiek bij strijkgeld aan de meestbiedende presenteren te verkopen: het mastloos Hol of Wrak van een op de Wadden verongelukt Tjalkschip, liggende op het Strand nabij het Moddergat onder Nes.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Strandvonder van Wonseradeel, zal, op maandag den 6 februari 1837, des voormiddags ten elf ure, in het Logement de Prins te Makkum, publiek, om contant geld, ad opus jus habentium (opm: in het belang der rechtverkrijgenden), presenteren te verkopen: het Hol van het Groninger Tjalkschip HENDRIKA, kapitein J.E. Gust, te Makkum op den 22 december l.l. in strandvond aangebragt.
De Strandvonder voornoemd, C. Binkes
(opm: zie PGC 231236 en LC 231236; de tjalk HENDERIKA werd waarschijnlijk verkocht voor de sloop; kapt. Jan Everts Gust verkreeg in september 1837 de nieuwe kof HENDERIKA, weer vernoemd naar zijn vrouw Hinderkien Pieters Tulp)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Talkschip, lang 17 el 40 streep, wijd 3 el 621 streep, met zijn toebehoren. Te bevragen bij M. J. van der Sluis te Sneek.


04 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. De Javasche Couranten tot den 8 oktober behelzen o.a het volgende:
Door Zijne Excellentie de Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië benoemd tot chirurgijn der derde klasse de scheepsheelmeester C. Bruninghausen, en tot apotheker der derde klasse de élève A. Koehler.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, civiele schoener ZWALUW, Nederlandse schepen ZAANSTROOM, NEÊRLANDS KONINGIN, RHOON EN PENDRECHT, MERCURY, GENERAAL CHASSẾ, NATALIE, FATAL RACHMAN, WALCHEREN, HOKTHAY, ANTHONIE en l’ESPẾRANCE, stoomboot VAN DER CAPELLEN,
brikken JOEDEL KARIM, PEENGHOEY, MACHLAAR, DOROTHEA, HARRIET, de HOOP, en CHARLOTTA, barken BLORA, SHEVA, FATAL DJAWAT, ZEPHYR, le CHARLES, FATAL HAIR, SUSANNA DOROTHEA, FATAIL GAIR en POLLUX, schoeners GOLLEK, JONGE HEINE, AUGUSTE, GOANSOEN, MARIA FREDERIKA, AMELIA, TEKSING, HAPSOEN en MABBROEK, Engelse bark AFRIKA en Zweeds schip FANCHON.
Van Batavia gezeild de Nederlandse schepen DE HOOP VAN ALBLASSERDAM, JAVAAN, de ONDERNEMING, de VROUW JOHANNA ELIZABETH, JEANNETTE PHILIPPINE, KORTENAER, MACASSER en ELIZABETH naar Soerabaya en de STAD ROTTERDAM naar Rotterdam.
Den 28 september 1836 lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners CASTOR, CIRCE en JANUS,
Nederlandse schepen SINGAPOERA, EMANUEL, CAROLINA JACOBA, MERCURIUS, NAWAN ELJOESOOR, POLLUX, JOHANNA CORNELIA, ATIAT RACHMAN en OLIVIER VAN NOORD, brikken ALYDA, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken ANNA AUGUSTINA, FATAL KARIM, HERMINA en FATAL BARIE, schoeners IRIS, WINDHOND, CORINGA, CALYPSO en ZOUTMAN, en pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE.
Van Soerabaya zijn gezeild de Nederlandse schepen WIJNHANDEL en GOUVERNEUR naar Passaroeang.
Te Samarang is 23 september gearriveerd het Nederlandse schip APOLLO, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Gedurende 1836 zijn te Flensburg aangekomen 1024 schepen.
Te Riga zijn in dat jaar gearriveerd 1102 en van daar uitgezeild 1127 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Van Helvoetsluis wordt heden gemeld, dat het schip RHOON EN PENDRECHT, kapitein A. Schaap, van Batavia, gesleept wordende door Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO, de vorige middag met het naar binnen komen aan de grond was geraakt, doch des nachts met hoog water, na een gedeelte koffij in twee schuiten gelost te hebben, in het water voor Pampus ten anker gekomen is.
Die ochtend zeilden PRINS FREDRIK DER NEDERLANDEN, H. van den Abeelen, naar New-York; JONGE JACOB, F. Smidt, de HOOP, G. Siebertz, en HELENA GEERTRUIDA, C. Roskam, naar Antwerpen, en CATHARINA, H.G. van Dam, naar Leith.
Volgens rapport van de zeeloodsen is voor de wal, met loodsen aan boord, het schip de SCHELDE, kapt. D. Steur, van Batavia. De wind O.Z.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Te New-York waren den 2 januari bezig met een lading in te nemen de schepen ALWINA, kapt. P.C. Simons, voor Amsterdam, en DE HOOP, kapt. C. Bloem, voor Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Te Smirna (opm: Izmir) is aangekomen de Nederlandse oorlogs-corvet HIPPOMENES van Texel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 februari. Te Middelburg is ter rede gearriveerd het kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, van Suriname.


06 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een welbezeild gekoperd Nederlands galjootschip, groot 108 gemeten lasten en voorzien van goede inventaris. Te bevragen bij de makelaar J. Boelen op de IJgracht no.13 te Amsterdam.


07 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Men verneemt, dat op den 3 dezer, vanwege de alhier gevestigde Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen, aan kapitein Norwood van de Engelse stoomboot SIR EDWARD BANKS, wiens menslievende daad in onze courant van 3 december laatstleden is vermeld geworden, een zilveren beker, met een toepasselijk opschrift, tot aandenken, vergezeld van een schriftelijke dankbetuiging, is uitgereikt, terwijl ook de manschappen zijner equipagie een geldelijke erkentenis hebben ontvangen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Den 3 dezer arriveerde te Helvoetsluis le JEUNE CLAIRE, l. Simonet, van Buenos-Ayres.
Den 4 dezer zeilde MAASNYMPH, J.T. Verschuur, naar Boston, en arriveerden de SCHELDE, D. Steur, van Batavia, en is door Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO binnen en om Pampus gesleept; VOORWAARTS, G. Don, van Suriname, en DOLPHYN, P.D. Nap, van Messina.
Den 5 dezer zeilden van Helvoetsluis KONINGIN VAN ZWEDEN, C. Graf, naar Wolgast; JOHANNA GEZIENA, P.G. Schuur, naar Liverpool; GENERAAL VAN DEN BOSCH, J. Parlevliet Fz, naar Batavia, en ADRIANUS EN JACOBUS, A. Plokker, naar Baltimore. Beide hebben met het ten anker komen voor Pampus een anker verloren, doch zijn de volgende morgen daarvan voorzien geworden.
Den 4 dezer zeilde uit de Maas ANJA, A.C. Hazewinkel, naar Newcastle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Het schip de JONGE ADRIANA, kapt. C.F. Hempel van Rotterdam naar Batavia, te Deal binnen, heeft den 29 januari de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Het schip JOHANNA, kapt. H.T. de Jonge (opm: kofschip, kapt. H.T. de Jong), van Baltimore naar Rotterdam, is den 27 januari te Douvres (opm: Dover) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 februari. Het schip (opm: kof) VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. Braam, van Tremblade (opm: La Tremblade, 45º46 N.B. 01º08’ W.L.) naar Dordrecht, was den 30 januari nog te Cowes binnen, doch op de rede gereed om de reis voort te zetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) FORTUNA, kapt. T.A. Hansen, van Groningen naar Liverpool is op 29 januari te Falmouth binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 26 januari het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Newcastle.
Den 4 februarii de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, HOPE, kapt. W. Cousins, FRIENDS, kapt. J. Manning, alle drie van Londen.
Uitgezeild:
Den 22 januari het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, naar Londen.
Den 26 dito het schoenerschip St. THOMAS, kapt. N.M. Lindegaard, naar Newcastle.
Den 31 dito het schoenerschip LIVELIJ, kapt. S.H. Finch, naar Londen, het kofschip PETRUS LUDOVICUS, kapt. W.J. Wilkens, naar Liverpool.


  LC - Leeuwarder Courant

Familiebericht. Heden avond ontvingen ik en mijne kinderen het smartelijk bericht, dat onze geliefde, veel belovende zoon en broeder, Christiaan DeMaille de Boer, op deszelfs terugreize van Batavia, met het Brikschip ANJER, op den 23 december l.l, in de ouderdom van ruim 18 jaren, in een hevige storm, over boord geslagen en verdronken is.
Hoe treffend dit verlies voor ons is, kunnen slechts zij beseffen, die de overledene gekend hebben. Wed. A.H. de BOER
Leeuwarden, den 1 februari 1837. Mede uit naam mijner Kinderen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht Tjalkscheepshol, lang twintig el, wijd en hol naar rato. Te bevragen bij de gebroeders Bokcems te Akkrum.


09 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Van Helvoetsluis wordt van den 7 gemeld dat het schip GENERAAL VAN DEN BOSCH in zee gekomen is, en zeilden ADRIANUS EN JACOBUS, A. Plokker, naar Baltimore, en DE HOOP, J. Mugge, naar New-York; de LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, J. Chevalier, arriveerde van Batavia, en JOHANNA, H.T. de Jong, van Baltimore.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Kapitein J.J. Bart, voerende het schip (opm: fregat) WALCHEREN, van Batavia in Texel binnen, heeft den 30 januari op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gezien een schoener kof, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop met No. 80, zijnde die van kapt. J.C. Willems, voerende het schip HENRIETTE, van Rotterdam naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Kapt. K.L. Spijkman, van Suriname in Texel binnen, rapporteert op 51º29’ N.B. en 27º30’ W.L. gezien te hebben een door het volk verlaten schip zonder roer, genaamd JAMES GRANT OF LIVERPOOL.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Kapt. D.H. Dewers, van New-York te Bremen gearriveerd, heeft den 19 januari, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), gepraaid het schip (opm: bark) CATHARINA JOHANNA, kapt. J.E. Schneebeke, van Amsterdam naar Lissabon, Rio-Janeiro en Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Het schip ST. THOMAS, kapt. N.M. Lindegaard (opm: waarschijnlijk Deense vlag), van Harlingen naar New Castle, op de Black Middens gestrand, heeft volgens brief van New Castle van den 30 januari op de rotsen de bodem uitgestoten en is geheel weg; het grootste gedeelte der lading en de tuigage waren geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Het schip CONCORDIA, kapt. J.D. Dietz, van Amsterdam naar Suriname, te Harwich binnen (opm: zie RC 050137), had, volgens brief van daar van den 31 januari, die ochtend met Z.W. wind het anker geligt om de reis voort te zetten, doch is beoosten de stad weder geankerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Het schip de JONGE WILHELMINA, kapt. L. Maasdijk, van Rotterdam naar Rouaan, is den 29 januari te Boulogne binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 februari. Volgens brief van New-York, van den 8 januari, was, naar rapport van een loods, een Nederlandse kof, de naam nog onbekend, de 6e dito aldaar bij Rockaway House gestrand. (opm: zie NRC 140237)


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 6 februari. Voor Antwerpen bestemd is alhier ter rede gekomen de HARRIET, kapt. F. Beniest, van Liverpool.


10 februari 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Op 3 februari lag te Londen zeilklaar het schip de GOEDE VERWACHTING, kapt. T. Wijnstok, gedestineerd naar Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MEXICO, kapt. Gillet, voor kapt. Winslow, met 119 passagiers en equipage van Liverpool naar New York, is volgens bericht van New York van 8 januari op 3 januari, na gedurende drie dagen om een loods en hulp geseind te hebben, bij Hampstead op Long Island gestrand; slechts 7 manschappen zijn gered en 111 daarbij verdronken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Kapitein N. Eberhardt, voerende het schip LOWISE, van Londen naar Noorwegen bestemd, te Terschelling met lekkagie en zeeschaden binnengelopen, zal, op donderdag den 16 februari 1837, des voormiddags ten 10 ure, in het Logement de Zwaan, te Westerschelling, publiek op autorisatie en ten overstaan van de Heer C. ZUNDERDORP, sub Agent van Lloyd’s over de eilanden Texel, Vlie en Terscheliing, te Texel residerende, door een daartoe bevoegd beambte, om gereed geld doen verkopen, het door zeewater beschadigde zijner lading bestaande in:
- 6 Vaten tabak, in bladen.
- 33 Zakken of baaltjes koffijbonen.
- 2 Balen boomwol (opm: katoen).
- 46 Pakken en pakjes wollen garen en katoenen stoffen.
- 3 Vaten suiker-broden.
Alles te Terschelling voormeld liggende opgeslagen, en deswegens nader informatie te bekomen ten Kantore van de voornoemden Heer Agent te Texel, alsook bij Js. Reedeker Fz, Notaris te Terschelling.


11 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 februari. Den 8 dezer arriveerden in de Maas de GOEDE VERWACHTING, T. Wijnstok, van Londen, en de VROUW ANNA, W. de Zeeuw Baggus, van Lissabon, welke na visitatie van de quarantaine is ontslagen, doch nog in de Bank ten anker ligt.

RC 110237
Rotterdam, 10 februari. Den 9 dezer arriveerde te Helvoetsluis HERBERTUS HERMANUS, H.H. Riecke, van Bordeaux. De hoeker EENDRACHT, kapt. Van Genderen, is onder qarantaine naar het Hitseersche Gat opgezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 februari. Het schip YPRES, kapt. P. Dunk, van Riga naar Rotterdam, is den 29 januari te Lymington binnengelopen, doch heeft den 2 dezer de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 februari. Het schip HOLLAND, kapt. J.H.M. Strüben, van Padang naar Amsterdam, te Portsmouth binnen, heeft den 3 dezer met een Z.O. wind de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 februari. Het schip de JONGE ADRIANA, kapt. C.F. Hempel, van Rotterdam naar Batavia, is den 30 januari gepraaid op 48º46’ NB. 08º02’ W.L.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 9 februari. Heden is hier aangekomen Zr.Ms. fregat BELLONA, kapt.t.zee P. Ariéns, met drie passagiers, waaronder Z.K.H. prins Willem Frederik Hendrik, de 17e oktober vertrokken van Texel.


13 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te Dordrecht ligt in lading naar Batavia om in het laatst dezer maand te vertrekken het deze winter bijzonder voor passagiers nieuw vertimmerde en uitmuntend ingerichte campagne-fregatschip DORTENAAR, kapt J.F.P.A. Abbema.
Adres voor goederen of passagiers bij de cargadoors Visser & Muller te Dordrecht, of bij de kapitein aan boord.


14 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot Maatschappij. Stoomvaart tussen Amsterdam en Hamburg, in correspondentie met Lübeck en St. Petersburg. Deze vaart zal den 5 maart voor dit jaar weder geopend en vervolgens geregeld worden voortgezet:
- van Amsterdam den 5, 15 en 25,
- van Hamburg den 10, 20 en 30 van iedere maand.
De passagiers behoren de dag vóór het vertrek voor middernacht aan boord te zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Den 10 dezer arriveerde te Helvoetsluis STAD ROTTERDAM, C. Poort, van Batavia, KLEINKINDEREN, A. den Breems, en ZEEMEEUW, D. Noordhoek, van Lissabon.
Den 11 arriveerden ANNA CATHARINA, O. Houwing, en DOURO, H. de Haas, van Bordeaux, en SCHEEPSBOUWLUST, C. Goedenraad, van St. Ubes (opm: Setubal).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Den 10 dezer arriveerde in de Maas DIANA, G.R. de Boer, van Emden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Het schip de GOEDE TROUW, kapt. K.J. Masker van Alexandrië, in Egypte, naar Amsterdam, is den 20 januari tussen Kaap Palos (opm: 37º38’ N.B. 00º 41’ W.L.) en Ivica (opm: het eiland Iviza, thans Ibiza) gepraaid door kapt. A.J. de Boer, den 27 dito van Amsterdam te Genua gearriveerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Aangaande de Hollandse kof, de naam nog onbekend, bij New-York gestrand (opm: zie RC 090237), wordt van daar van den 14 januari bericht, dat zij van Malaga komende en door het ijs reeds bijna geheel doorgesneden geworden was en men bijna geen hoop meer had die te zullen bergen. Men zoude nog pogingen doen aanwenden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. F. van Dam, makelaar te Rotterdam, is van mening op heden den 14 februari 1837, ten vier uur namiddag, in het Locaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk A, No. 458, te veilen: het Hol van een Paviljoen- of Damschuit, groot volgens ijkbrief 25 lasten, liggende in de Leuvehaven westzijde, nabij de Posthorensteeg, alsmede derzelver ankers, touwen, jaaglijnen, zeilen, blokken en verdere toebehoren, zo als dezelve gekaveld liggen op een zolder in de Posthoornsteeg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 14 oktober 1836 lagen ter rede van Batavia Zr.Ms. brik ORESTES,
civiele schoeners ZWALUW, DORIS en POSTILLON, Nederlandse schepen NATALIE en ATYE TORACHMAN, stoomboot VAN DER CAPELLEN, brik PEENGHOEY, barken JULIA en ZEPHYR, schoener JONGE HEINE, Amerikaans schip GEORGE CABOT, Zweeds schip FANCHON, en Franse schepen ALEXANDER en LE CYGNE.
Te Batavia zijn gearriveerd de Nederlandse schepen ONDERNEMING en de STAD AMSTERDAM, beide van Amsterdam, GOUVERNEUR van Soerabaya, en het Frans schip LE GRAND DUQUESNE van Bordeaux.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen ANTHONY en NEÊRLANDS VLAG naar Soerabaya.
Te Samarang is gearriveerd het Nederlands schip WIJNHANDEL van Soerabaya, en van daar naar China gezeild het Nederlands schip SCHOON VERBOND.
Den 6 oktober 1836 lagen te Soerabaya ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners CASTOR, CIRCE, SIREEN en JANUS, Nederlandse schepen SINGAPOERA, EMANUEL, CAROLINA JACOBA, NAWAN ELJOESOOR en OLIVIER VAN NOORD, brikken TEKSING, ONDERNEMER, ALIE OESOOR EN ALYDA, barken ANNA AUGUSTINA, FATAL KARIM, HERMINA, JOEDEL BARIE en SEGAF, schoeners IRIS, WINDHOND, CORINGA, CALYPSO, ZOUTMAN, JOHANNA CHARLOTTA, OEJOONG PANDAN en FATAL KAIR, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE en Engels schip MID LOTHIAN.
Te Soerabaya zijn aangekomen de Nederlandse schepen JAVAAN, de HOOP VAN ALBLASSERDAM, de VROUW JOHANNA ELISABETH en ONDERNEMING van Batavia, en BATAVIA van Passaroeang.
Van Soerabaya zijn gezeild de Nederlandse schepen JOHANNA CORNELIA en MERCURIUS naar Passaroeang.
Den 19 oktober is Straat Sunda doorgezeild het Nederlandse schip PETRUS, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Gedurende de maand januari zijn door het Kanaal van Voorne 84 zeeschepen gevaren, als 29 te Hellevoetsluis en 55 voorbij Nieuwersluis gekomen om uit te lopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Den 14 dezer arriveerde te Helvoetsluis de JONGE FLORENTZ, J.A. de Vries, van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Kapt. H.J. Klein, van Batavia in Texel binnen, heeft den 27 december 1836, op 5º33’ N.B. en 22º25’ W.L. van Greenwich, in goede staat en aan boord alles wel zijnde, gepraaid het schip (opm: fregat) INDIA, kapt. P. Vis, van Rotterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. De evers REGINA, kapt. H. Riebeling en CERES, kapt. H. Schuldt, van Hamburg naar Amsterdam, zijn, wegens ijs, te Cuxhaven, en het schip ST. JOHANNES, kapt. H.J. Hesselburg, van Amsterdam naar Laurvig (opm: Larvik), den 24 januari te Lyngöer (opm: Lyngör, 58º38’ N.B. 09º09’ O.L.) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Het schip (opm: smak) WILLEM OLIVIER, kapt. G.J. Koster (opm: G.J. Korter), van Harlingen naar Bordeaux, te Harwich binnen, is, volgens brief van daar van den 7 dezer, op de helling gehaald om te repareren. (opm: zie NRC 100137, 020337 en 140337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Het schip (opm: galjoot) DE HOOP, kapt. J.H. Mugge, met granen van Rotterdam naar New-York, te Douvres (opm: Dover) binnengelopen, is, volgens brief van daar van den 8 dezer, reeds bewesten Dungeness geweest, heeft enige schade aan het ijzerwerk van de boegspriet bekomen, daarbij tegen het stenen hoofd het opgezette noodtuig van de boegspriet afgestoten en ook enige andere geringe schade bekomen. (opm: zie RC 070337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. De fusten olie, bij Duinkerken aangespoeld, zijn volgens brief van daar van den 9 dezer, ingevolge de merken, hoogst vermoedelijk afkomstig van de smak GEZINA JOHANNA, kapt. J.R. Sap, van Amsterdam naar Lissabon of Port-à-Port, den 12 november 1836 (opm: PGC 170237 meldt 13 december 1836) uit Texel gezeild en dienaangaande sedert niets vernomen geworden. Dezelve fusten zouden, benevens een vuren mast, lang 11 el 90 duim (opm: 11,90 m.) en dik 4 el 24 duim (opm: dit zal onjuist zijn; mogelijk 24 duim = 24 cm), den 20 of 23 dezer openlijk verkocht worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Aangaande de Hollandse kof, van Malaga naar Philadelphia, bij New-York gestrand (zie RC 090237), wordt van daar van den 16 januari bericht, dat men bijna geen hoop meer had iets van de lading te zullen bergen, echter zou men daartoe nog pogingen aanwenden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Volgens bericht van New-York van den 16 januari waren aldaar bezig met lading in te nemen DE HOOP, kapt. C. Bloem, voor Rotterdam en ALBERTINA, C.W. Aspling, voor Antwerpen. (opm: de buitenlandse schepen zijn niet opgenomen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Bij Zoutelande is de Pruissische galjas ARTHUR, kapt. L.J. Schultz, komende van Bordeaux met wijn, vastgeraakt, lek geworden en aldaar steeds tegen het strand zittende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 februari. Binnen de Westerhaven te Vlissingen is gekomen het schip HENRIETTE, kapt. L. de Hondt, welke bij het opvaren op de Suikerplaat omhoog geraakt en aldaar enige lekkagie heeft bekomen; moest lossen om te repareren. (opm: zie PGC 170237)


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Batavia, met zeer goede inrichtingen voor passagiers:
Idem: het gekoperd Brikschip HARMONIE, kapt. B.J. Mulder, vertrekt den 20 dezer.
Idem: het gekoperd Fregatschip J.C.J. VAN SPEYK, kapt. M.A. Smits, vertrekt den 25 dezer.
Idem: het gekoperd Fregatschip PHENOMÈNE, kapt. F.P. Hoedt.
Idem: het Fregatschip BATAVIER, kapt. J.F. Scharper, om 23 maart te vertrekken.
Idem: het Fregatschip GENERAAL CHASSẾ, kapt. M. Harkema, om 28 maart te vertrekken.
Idem: het Fregatschip DE SCHELDE, kapt. D. Steur, om den 29 maart te vertrekken.
Al deze schepen hebben zeer goede inrigtingen voor passagiers.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuyzen
Het nieuw gebouwd en gekoperd barkschip WELTEVREDEN, kapt. J.C.F. Lupcke, hebbende uitmuntende inrichtingen tot vervoer van passagiers, vertrekt den 6 maart.
Adres ten Kantore van W. Smith & Co, cargadoors
Triëst: het Kofschip EENDRACHT, kapt. Cornelis Ouwehand.
Het Hoekerschip FLORA, kapt. Dirk Rooderkerk.
Lissabon: het Kofschip ZEEMEEUW, kapt. D.M. Noordhoek.
Bordeaux: het Kofschip GEERTRUIDA SMIT, kapt. E.C. Eilts, vertrekt 15 februari a.s.
Nantes: het Kofschip MARIA, kapt. S.M. Tanger ligt gereed.
Liverpool: het Schoener-kofschip VROUW HENRIETTE, kapt. H.F. Klie.
Het Kofschip JONGE MARGARETHA, kapt. J.K. Wijkmeyer.
Belfast: het Kofschip WILLEMINA LAURENTIA, kapt. J.J. Swart; vertrekt ten spoedigste.
Idem: het Kofschip CATHARINA JULIA, kapt. P.H. Hazewinkel.
Newry: het Schoener-kofschip MERWESTROOM, kapt. D.H. Hazewinkel.
Dundee: het Smakschip ANNECHIENA, kapt. E.S. van der Wijk.
Elseneur en Koppenhagen: het Kofschip STAD GRONINGEN, kapt. J.J. Kortrijk.
Hamburg: het Smakschip GOEDE VERWACHTING, kapt. T. Wijnstok.
St. Petersburg: het Kofschip ALIDA FROUKINA, kapt. J.H. Mulder,
Idem: het Kofschip ENGBERDINA, kapt. G.J. Bossinga,
Idem: het Hoekerschip DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden;
de drie laatsten om met de eerste schepen te vertrekken.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
Baltimore (voor passagiers): het gezinkt Kofschip DOLPHIJN, kapt. B.J. Bakker.
Koningsbergen (door het Holsteinsche Kanaal): schip ANNA ELISABETH, kapt. S. Harkes.
Hamburg: het Smakschip de JONGE JELTJE, kapt. J.F. Posthumus.
Idem: het Kofschip de WELVAART, kapt. R.F. Feninga.
Adres bij Ch. en J.F. Cornelder Hz, cargadoors
New-York: het gezinkt Brikschip AGENORIA, kapt. W. van der Kolff.
Triëst: het Kofschip PAULINE, kapt. S.T. de Boer.
Belfast: het Kofschip HILLECHINE, kapt. H.H. Brakke, om den 14 dezer te vertrekken.
Idem: het Kofschip HILLECHIENA GEERDINA, kapt. H.L. Roelfsema.
Liverpool: het Kofschip CONCORDIA, kapt. F.H. Eddes; ligt gereed.
Idem: het Kofschip JANTINA ENGELINA, kapt. H.T. de Jonge.
Idem: het Kofschip JONKVROUW ELIZABETH, kapt. H.L. Heres.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen
New York: het Brikschip REGENT, kapt. Andrew Allan (opm: wèl Nederlandse vlag).
Adres bij Wambersie en Burger
Dantzig (opm: Gdansk) (door het Holsteinsch Kanaal): het Kofschip MARGARETHA SUSANNA, kapt. W.J. Warnekes.
Stettin (opm: Szczecin) (door het Holsteinsche Kanaal): het Hanover schip VROUW ANNA, kapt. N. Wilkens; vertrekt stellig op 5 maart. (opm: om misverstand te voorkomen opgenomen vanwege de Nederlandse namen)
Adres bij Seeuwen en Mair
Te Schiedam ligt in lading naar:
Elseneur (opm: Helsingör) en Riga: het Kofschip HELENA, kapt. Jan Mengers, om den 20 maart aanstaande te vertrekken.
Adres te Schiedam bij de cargadoors A. Prins & Co, en te Rotterdam bij Kuyper, Van Dam en Smeer
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houder of houders van het cognossement over 2 balen sponsen, gemerkt W & GB, no. 10 en 46, aangebragt van Smirna (opm: Izmir), per het schip EENDRAGT, kapt. C. van Gelderen jr, gelieven zich aan te melden bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houder of houders van het cognossement over
no. 1765-67 3 vaten gom,
no. 1768 1 vat galnoten,
no. 1769-1764 6 balen sumak (opm: looi- en verfstof),
alhier aangebracht van Triëst, per het schip EENDRACHT, kapt. C. Ouwehand, gelieven zich ten spoedigste aan te melden bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houder of houders van het cognossement over 1 okshoofd (opm: vat) wijn, gemerkt LN en BC er onder, alhier aangebracht van Bordeaux, per het schip (opm: kofschip) MARIA, kapt. S.M. Tanger, gelieven zich ten spoedigste aan te melden bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houders der cognossement over diverse goederen, aan Order afgeladen en alhier aangebracht per de schepen HENDRIKA, kapt. H.D. van Wijk, GOED BESLUIT, kapt. H.W. Drent, beide van Triëst, en DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden, van Messina, worden verzocht zich aan te melden bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, beëdigde makelaars, residerende binnen Rotterdam, zullen op dinsdag den 28 februari 1837, des namiddags ten 4 ure, in de zaal der Openbare Verkopingen, op de Scheepmakershaven, letter A, no. 458, in het openbaar veilen en verkopen: het sterk gebouwd en snelzeilend Rijnschip, genaamd EENDRAGT, gevoerd bij kapt. A. Visser, zijnde zo goed als nieuw, lang over steven 26 ellen 28 duimen, wijd 4 ellen 76 duimen, hol 1 el 80 duimen (opm: 26,28 x 4,76 x 1,80 m.), en over zulks groot 157 tonnen (alles Nederlandse maat), met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verder toebehoren, zo als hetzelve thans is liggende in de Wijnhaven, nabij het Postkantoor, aldaar,
alsmede een hechte en sterk gebouwde Korenlichter, genaamd de KORENBLOEM, groot omtrent 38 lasten, voorzien van een ruime en van alle gemakken ingerigte schipperswoning, zeer geschikt ook tot berging en vervoer binnen de stad van alle soorten van goederen, met al deszelfs toebehoren.
Nadere informatie bij de makelaars, bij wie inmiddels de Korenlichter uit de hand te koop is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. C.A. Schröder, E.H. van der Meulen en W.G. Hoofts, makelaars, zullen op maandag den 27 februari 1837, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, ten overstaan van een een daartoe bevoegd Beambte, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen: een extraordinair welbezeild, gekoperd en met koperen bouten gehecht Schoener-kofschip, genaamd de JONGE JACOB, varend onder Nederlandse vlag, gevoerd door kapitein Volkert Hendriks Kramer, volgens Nederlandse meetbrief lang 25 ellen 70 duimen, wijd 5 ellen 16 duimen, hol 3 ellen 5 duimen (opm: 25,70 x 5,16 x 3,05 m.), en alzo gemeten op 95 lasten; breder bij de inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars. (opm: zie AH 010337)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de HOOP, kapt. G.E. de Boer is op 3 februari te Londen in het St. Catherine’s Dock gehaald, om lading in te nemen voor Antwerpen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof de JONGE JACOB, kapt. J. Verlee, voor wijlen kapt. D. Wever (opm: buitenlander, zie ook AH 180237), van Riga naar Antwerpen, te Emden binnen, is volgens brief van daar van 5 februari bij het voortzetten der reis, op de Eems gestrand. De lading wordt gelost en men hoopte, bij goed weder, het schip af te brengen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Gedurende de halve maand maart 1837 ligt te Delfzijl uit de hand te koop, het zo goed als geheel nieuw getimmerde Pruisisch barkschip, bevorens de OSTSEE, thans de ONDERNEMING genaamd, groot 365 ton of 193 gemeten lasten, met of onder de bij hetzelve aanwezige gedeeltelijke inventaris, van ankers, ankerketting enz.
Adres in persoon of met franco brieven bij H.G. Roelfzema, te Delfzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen. Den 6 februari het schoenerschiip ORWELL, kapt. J. Hall, Londen.
Den 11 dito het schoenerschip UNION, kapt. R. Winter, van Londen.
Uitgezeild den 5 februari het kofschip VRIESLAND, kapt. T.W. Stuut, Liverpool.
Den 10 dito het schoenerschip FAME, kapt. W. Barfield, naar Londen.


16 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te koop een extra welzeilend kofschip, voorzien van een goede inventaris en varende onder Nederlandse vlag, groot circa 50 lasten en te bevragen bij de zeilemaker J. Hansen op de Gelderschekaai no. 45 te Amsterdam.


17 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De Nederlandse kof ODESSA, kapt. Jan Carsten Lodders, van Cherson op de rivier van Bordeaux aangekomen, zou, volgens brief van Pauillac van de 8e februari, aldaar gedurende 25 dagen quarantaine houden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande de brik (opm: hoeker) HENRIETTE, kapt. Louis d'Hondt, van Liverpool naar Antwerpen, op de Suikerplaat in de Schelde gestrand, wordt van Vlissingen op 9 februari nader gemeld, dat hetzelve, hoewel reeds een gedeelte der lading zout, katoen en cacao in lichters gelost was, het nog zeer gevaarlijk vastzat, door het werken waren de naden ontzet en kwam zodra het schip bij de vloed niet geheel droog lag, veel water in hetzelve, waardoor alsdan de pompen gestadig gaande moesten worden gehouden. Men hoopte nog dezelve af te kunnen brengen, ofschoon waarschijnlijk niet in staat om de lading weder in te nemen.
Volgens een nadere brief van 10 februari was dezelve de vorige avond afgebracht en zwaar lek binnen de Westerhaven gekomen, om het nog inhebbende gedeelte der lading te lossen en te repareren. (opm: zie RC 140237)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: smak) ANNA CATHARINA, kapt. A.H. Post, van Delfzijl naar Londen is op 8 februari te Harwich binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip JOHANNES, kapt. J.A. Simonsen, van Havana naar Altona, te Cowes binnen, moest volgens brief van daar van 8 februari lossen. Een man der equipage was overboord geslagen en verdronken.


  LC - Leeuwarder Courant

Londen, 11 februari. De bladen van Nieuw-York bevatten een allertreurigst verslag van de Britse Consul Buckaneij, wegens het in het gezigt der haven van Nieuw-York vergaan van het schip de MEXICO, hebbende niet minder dan 104 passagiers en een ekwipaadje van 12 man in al aan boord. Van welke 116 mensen slechts 8, onder welke de kapitein, door met levensgevaar uit Nieuw York gedane pogingen gered zijn geworden en de overige 108, op het ogenblik dat zij zich verheugd hadden de haven voor ogen te zien, de dood in de golven gevonden hebben. De Consul zegt, als vermoedelijke redenen van het plaats gehad hebbende ongeluk niet te mogen verzwijgen dat: 1. de loodsen te Nieuw-York niet van pligtverzuim zijn vrij te pleiten; 2. dat er abuizen bij het peilen hebben plaats gehad; 3. dat het schip niet voorzien zijnde van de bij de wet vereisten voorraad voor zulk een aantal passagiers, men zich daardoor niet heeft durven blootstellen aan het gevaar van weder in volle zee af te drijven; 4. dat het schip geen genoegzame matrozen telde en lek was.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris O.B. Oeberius, te Sint Anna Parochie, zal, op dinsdag den 21 februari 1837 des namiddags ten 6 ure, in de herberg van P. Schaaf, te Sint Jacobi Parochie, presenteren te verkopen: een wel onderhouden Snikschip, genaamd ZELDENRUST, met zeil en treil, haken, kloeten en lijnen, gebruikt tot vervoer van aardappelen, kunnende laden 125 mud, bevaren bij Piebe P. de Groot, te Sint Jacobi Parochie. Dadelijk te aanvaarden. (opm: volgens LC 270237 was er op 21 februari geboden ‘de zeer gering som van NLG 95’)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Veerschip van Terhorne op Sneek en Akkrum vice versa, met zeil en treil en verdere toebehoren. Te bevragen bij de eigenaar Heere Martens Visser te Terhorne.


18 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Gedurende het jaar 1836 zijn te Kadix (opm: Cadiz) aangekomen 2846 schepen; te Libau (opm: Liepaja) 129, en van daar uitgezeild 121 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Den 15 dezer arriveerde te Helvoetsluis JANTINA, H.C. de Groot, van St. Davids.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Den 16 arriveerde in de Maas MAGDALENA, E. Egbert, van Embden, de JONGE ALIDA, A.G. van Berkel, van Lissabon, zijnde na visitatie van de quarantaine ontslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Het schip CATARINA, kapt. C. Fronheim, van Amsterdam naar Hamburg, te Cuxhaven aangekomen, is wegens ijs op de Elve (opm: Elbe) aldaar in de haven gehaald.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Het schip de VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. Braam, van Tremblade (opm: La Tremblade, 45º46’ N.B. 01º08’ W.L.) naar Dordrecht, te Cowes binnen, was den 9 dezer nog aldaar ter rede liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Het bericht, dat het schip MARIA CATARINA, kapt. Swart (voor kapt. P. Bakker) van Smyrna (opm: Izmir) te Konstantinopel (opm: Istanbul) zou zijn aangekomen, is gebleken onjuist te zijn, zijnde het volgens brief van Smyrna van den 14 januari wegens te Konstantinopel heersende pest niet derwaarts vertrokken en zou het ook, om die reden, de voorgenomen reis niet aannemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 14 februari:
Men schrijft uit Cowes van den 10 dezer dat de MAASNYMPH, kapt. J.F. Verschuur, van Schiedam naar Boston gedestineerd, aldaar had moeten lossen om te repareren. (opm: zie RC 020337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Gepraaid INDIAAN (opm: bark), van Rotterdam naar Batavia, den 26 december 1836 op 7º N.B. 23º W.L, ELIZA, Kelk, van Antwerpen naar St. Domingo, den 11 laatstleden op 21º N.B. 51º W.L.

RC 180237
Rotterdam, 17 februari. Het schip (opm: fregat) GENERAAL VAN DEN BOSCH, kapt. J. Parlevliet, van Rotterdam naar Batavia, is den 13 dezer te Plymouth binnengelopen met enige geringe bekomen schade.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 februari. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 17 februari:
Gepraaid BELLONA, van Batavia naar Rotterdam, 9 december 1836 op 36º Z.B. 22º O.L.
Te Torbay is gearriveerd PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN van Rotterdam met enige zeeschade.
Den 11 december afgezeild (opm: van Rio-Janeiro) het Nederlands oorlogs-fregat BELLONA en dito brik SNELHEID naar Batavia.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip MAASNYMPH, kapt. Verschuur, de 8e februari te Cowes zwaar lek binnen, was volgens brief van daar in dato 10 februari bezig de lading te lossen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Emden, 5 februari. Op de Eems is gestrand de kof JONGE JACOB, kapt. wijlen J.D. Wevers, van Riga naar Antwerpen (opm: zie PGC 140237). De lading werd gelost; men hoopte bij gunstig weer het schip af te brengen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregat DILIGENCE, kapt. Hendrik Bos.
Adres bij Floris der Kinderen.
Batavia (via Kaap de Goede Hoop). Het gekoperd tweedeks barkschip DERHIJN, kapt. Coenraad Brandligt.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en de Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip de VROUW HENDRIKA, kapt. Hendrik Zoetelief.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en de Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip NERLANDS INDIE, kapt. Isaac Gerard Veening.
Adres bij Coopman en de Witt, van Olivier en Co, Hoyman en Schuurman en de Vries en Co.
Het gekoperd tweedeks pinkschip DE VRIENDSCHAP, kapt. Willem Hendriks de Boer. Adres bij Coopman en de Witt, van Olivier en Co, Hoyman en Schuurman en de Vries en Co.
Curaçao (via de la Guayra). Het gekoperd tweedeks brikschip MARIA EN JACOBA. Kapt. Simon van Duyn.
Adres bij de Vries en Co, Hoyman en Schuurman, en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip WILHELMINA EN MARIA, kapt. J.C. Atkes. Adres bijHoyman en Schuurman, en de Vries en Co.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DINA MARIA, kapt. Albert Ahlers Jr..
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DE HARMONIE, kapt. Dirk Spreeuw.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd brikschip DE SNELHEID, kapt. Claus Wessels.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks brikschip DE VERWACHTING, kapt. Engel D. Dekker. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregat CATHARINA ANNA HELENA, kapt. Paul Hansen Bos.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip DE JONGE LODEWIJK ANTHONY, kapt. Renk Tjebbes.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperd tweedeks brikschip PARAMARIBO, kapt. H.L. Kayzer.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip CLASINA ADRIANA, kapt. A.P. Havinga. Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Baltimore. Het gekoperd tweedeks brikschip DE VERWACHTOMG, kapt. K.M. Hillers, voor kapt. Engel Douwes Dekker.
Adres bij Hoyman en Schuurman en de Vries en Co.
Havana. Het gekoperd tweedeks brikschip AURORA, kapt. Leendert Blok.
Adres bij J. Langeveldt.
Havana. Het gekoperd brikschip ALIDA, kapt. Jan Tjeerds Visser.
Adres bij B.J. van Hengel.
New York. Het Nederlands gekoperd tweedeks driemast galjootschip DE ONDENERMING, kapt. P.P. Middel.
Adres bij Jan Corver en Co.
New York. Het Nederlands gekoperd tweedeks fregatschip ONS GENOEGEN, kapt. Willem Landsaat.
Adres bij Jan Corver.
Bordeaux. Het Nederlands kofschip LISETTE CAROLINE, Kapt. Timen Mennes Gnodde. Adres bij Frederik Smit.
Bordeaux. Het Nederlands kofschip MARIA, kapt. G. Wortelboer.
Adres bij Frederik Smit.
La Rochelle. Het Nederlands smakschip JOHANNA GEBINA, kapt. Reinder Harms Nagel. Adres bij Jan Corver en Co.
Lissabon. Het Nederlands galjootschip DE ONDERNEMING, kapt. J. Engelenberg.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en de Witt en Lenaertz.
Lissabon. De Nederlandse kof EOLUS, kapt. Gerrit Zwanenburg.
Adres bij Van Ulphen en Ruys, C.I. de Grys en Zoon en H. Verweyde Czn.
Livorno. Het gekoperd tweedeks barkschip MERCURIUS, kapt. Jan Hendrik Seepe.
Adres bij B. D. Bosscher.
Marseille. Het Nederlands kofschip JEREMIAS, kapt. Sake Luitjes Stellingwerf.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en de Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlands kofschip CATRINA, kapt. Melle Melles Pott Jr..
Adres bij Van Ulphen en Ruys. Vertrekt 28 februari.
Port à Port. Het Nederlands kofschip PIETERNELLA, kapt. J.A. Schuring. Adres bij H. Verweyde Czn.
Bremen. Het Nederlands schip TJATZINA, kapt. Harm Tiesen Bakker.
Adres bij Blikman en Co.
Bremen. Het Nederlands schip DE JONGE JAN, kapt. Harm Everts Pluktje.
Adres bij Blikman en Co.
Carlshamn. Het smakschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. D.J. de Groot.
Adres bij Hendrik Gullen.
Danzig. De Nederlandse kof IKINA WILMINA, kapt. S.J. Vegter.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Danzig. Het Nederlands kofschip DE JONGE WILLEM, kapt. W. J. Mellema.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer en H.A. Hespe.
Hamburg en Altona. Het smakschip DE VROUW REGINA, kapt. K.P. Kievit.
Adres bij Blikman en Co.
Hamburg en Altona. Het Nederlands schip DE VROUW GEZIENA, kapt. H.J. Brunius.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer. Vertrekt 18 februari.
Hamburg en Altona. Het Nederlands schip DE VROUW HENDRIKA, kapt. J.T. Drent.
Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlands smakschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. Daniel Fokkes. Adres bij Blikman en Co.
Hamburg en Altona. Het Nederlands smakschip DE HERSTELLING, kapt. B.H. Schuur. Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlands schip DE VROUW ALIDA, kapt. B. J. Jaski.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer.
Hamburg en Altona. De Nederlandse kof HET JONGE REINTJE, kapt. Reinder Willems Mellema.
Adres bij Blikman en Co.
Koningsbergen. Het Nederlands smakschip GEZINA CATHARINA, kapt. H.R. Stutvoet. Adres bij Kranenborg en zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Koningsbergen. Het Nederlands smakschip JACOBINA, kapt. Rente Jans Klunder.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer en H.A. Hespe.
Lübeck. Het tjalkschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma.
Adres bij H. Gullen.
Stockholm. Het schoenerschip ST. OLOF, kapt. E.M. Kruse.
Adres bij H. Gullen.
Stockholm. Het schoenerschip ALBERTINA, kapt. N. Backman.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlands kofschip JOHANNA OTTILIE, kapt. A. H. van Wijk.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, de Vries en Co., F. Smit en F. der Kinderen.
Petersburg. De Nederlandse kof ANTONIA FRANCINE, kapt. R.H. Lutje.
Adres bij Kranenborg en zn. en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Petersburg Het Nederlands kofschip ROELFINA, kapt. H.A. Doewes.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlands kofschip DE VLIJT, kapt. Jan Simons Bakker.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meijer en H.A. Hespe.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 16 februari. De 14e februari is hier aangekomen de Nederlandse bark de JAVAAN, kapt. J.P. Meijer, de 17e oktober vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen Zr.Ms. brik SNELHEID, kapt.luit.t.zee H. Ferguson, de 17e oktober vertrokken van Texel.


19 februari 1837


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

(opm: geen datum) Men schrijft uit Gent dat de stoombootdienst tussen deze stad en Rotterdam nu definitief is opgericht. De HIRONDELLE (opm: bedoeld wordt ZWALUW) is volledig beladen en zal morgen, maandag (opm: 20 februari), vertrekken onder de vlag van Kniphausen.
(opm: zie RC 130337)


20 februari 1837


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Advertentie. Max van den Berg vraagt een paar onmiddellijk op te leveren stoommachines voor het nieuwe stoomschip dat bij Le Carpentier (opm: Antwerpse scheepswerf) in aanbouw is.
(opm: het stoomschip werd de ANTWERPEN van de Société Anversoise des Bateaux à Vapeur; de machines waren bij Cockerill besteld, maar deze was niet in staat ze op tijd te leveren)


21 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 februari. Den 17 dezer arriveerden te Helvoetsluis de DRIE GEBROEDERS, G. van der Borden, van Messina, en ELLEGINA HERRENDINA, H.L. Roelofsma, van Sunderland,
Den 18 dezer HENDRIKA, H.D. van Wijk, van Triëst, KLAZINA EN DIRKJE, A. Schilperoord, van Lissabon.
Den 19 dezer ALETTA, C.H. Slachter (opm: buitenlander), van Londen, JOHANNA, W.K. de Groot, van Marseille en GOED BESLUIT, H.W. Drent, van Triëst. De wind Z. en Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 februari. Den 18 dezer zeilde van Maassluis HERSTELLING, W.A. Smit, naar Hull.
Den 19 arriveerde in de Maas ONDERNEMING, L.J. Gort, van Bordeaux.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VROUW JOHANNA, kapt. H.S. Valk, van Riga naar Oostende, te Vlissingen binnen, was volgens brief van daar van 15 februari, van de geleden schade hersteld en bezig met het weder innemen der lading, om met de eerste gunstige gelegenheid de reis voort te zetten.


22 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. A. van der Sluis, J. Boelen, H.J. Reitveld en G.W. Sesink Clee, makelaars, zullen op maandag de 6e maart 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, ten overstaan van de heer H.J. Theesing, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen: Een extra ordinair welbezeild met zink gedubbeld brikschip, genaamd NIJVERHEID, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd door A. van der Linden, volgens Nederlandse meetbrief lang 22 ellen 80 duimen, wijd 4 ellen 68 duimen, hol 3 ellen 73 duimen, en alzo gemeten op 93 lasten of 177 tonnen. Breder bij de inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars en de cargadoors Van den Beyen en Comp. Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop.
(opm: zie AH 080337)


23 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Aangaande het schip MERCURIUS, kapt. H.K. de Groot (opm: kof, bouwjaar 1816, kapt. Hindrik Klaassens de Grooth), van Amsterdam naar Arensdahl (opm: Arendal), den 9 november 1836 uit het Vlie naar zee gezeild, heeft men sedert niets vernomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Houders der cognossementen aan Order, van
- 2 vaten zout van souda, zonder merk, nr. 314 en 315,
- 1 vat bloem van zwavel, gemerkt klaverblad no. 1,
- 1 vat verwwaren, gemerkt klaverblad no. 2,
- 1 baal kurken, gemerkt een omgekeerde F en A in elkander, no. 1, en
- 1 vat kaarde-bollen, gemerkt F en MF in elkander, no. 8185,
alhier aangebragt van Marseille per het schip JOHANNA MARIA, kapt. W.K. de Grooth, worden verzocht zich ten spoedigste aan te melden ten Kantore van de cargadoors Van Ulphen en Ruys.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Het schip INDIA, kapt. P. Vis, van Rotterdam naar Batavia, is den 4 januari gepraaid op 2º48’ N.B. 31º36’ W.L.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 februari. Van Smyrna (opm: Izmir) wordt van den 14 januari gemeld, dat het schip HENDRIKA ELIZABETH, kapt. A. Riedijk, in het laatst der volgende week naar Rotterdam zou vertrekken; sedert den 10den waren aldaar enige pestgevallen waargenomen.


24 februari 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, makelaars te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag de 7e maart 1837, ten vier ure namiddags, in het lokaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat wijk A, No. 458, te veilen en verkopen: Het snelzeilend Nederlands gebouwde kofschip genaamd COURIER, gevoerd bij kapt. Philippus de Best, volgens meetbrief lang 19,38 el, wijd 3,86 el, hol 1,85 el, en alzo groot 62 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris, zoals hetzelve is liggende in de Wijnhaven, Zuidzijde, nabij de Bierstraat. (opm: met behoud van naam werdde kof naar Harlingen verkocht; nieuwe kapitein werd N.M. Lindegaard)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. K. Hoek, van Cette (opm: Sète) te Amsterdam gearriveerd, heeft op 5 februari bij Gibraltar gezien een kof, tonende de vlag van het college Zeemanshoop met No. 108, zijnde die van kapt. K.J. Masker, voerende het schip (opm: galjoot) de GOEDE TROUW, van Alexandria, in Egypte naar Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: smak) de VERWACHTING, kapt. J.A. Hansen, van Amsterdam naar Bayonne is na gedurende 4 dagen zeer slecht weder doorstaan te hebben op 13 februari met enige schade aan de lading te Falmouth biinnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een extra sterk en wel gebouwd snelzeilend kofschip (opm: ALIDA MARIA), in den jare 1834 nieuw te Delfzijl uitgehaald, met diens inventaris, groot 68 gemeten ton, bevaren geweest door kapt. G.H. Peperboom en thans liggende te Amsterdam. Gading makenden vervoegen zich in persoon of met vrachtvrije brieven bij P.J. Vos te Delfzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris J.G. van Blom, te Dragten, zal, publiek, presenteren te verkopen: een Tjalkschip, genaamd de DRIE GEBROEDERS, groot 54 tonnen, met zeil en treil en verdere aanhorigheden, liggende boven de Sluis, in de Vaart te Dragten.
Wie hier aan gading maakt, komen dinsdag den 28 februari 1837, des avonds ten 6 ure, ten huize van Johannes Pieters Keuning, herbergier te Dragten.


25 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Gedurende het jaar 1836 zijn te Lübeck aangekomen 845 en vertroken 845 schepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Den 22 dezer arriveerde te Helvoetsluis JOHANNA CORNELIA (opm: fregat), H.F. Horneman, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Het schip ANCHINA, kapt. N.W. Hazewinkel, van Amsterdam naar Hamburg, is den 19 dezer op de rede van Vlieland aangekomen en naar de haven van Terschelling gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Het schip ADRIANUS JACOBUS, kapt. A. Plokker (opm: brik ADRIANUS EN JACOBUS), van Rotterdam naar Baltimore, te Deal binnen, was den 15 dezer nog aldaar liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. De schepen de VROUW FEMMEGINA, kapt. A.K. Braam, van Tremblade (opm: La Tremblade, 45º46’ N.b. 01º08’ W.l.) naar Dordrecht, te Cowes binnen, en de VERWACHTING, kapt. J.A. Hansen, van Amsterdam naar Bayonne, te Falmouth binnen, hebben hun reizen voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, goederenvervoer langs den Rijn.
De directie van dezelve Maatschappij maakt bekend, dat de Rijn-Octrooijen, Recognitiën, enz, dewelke, ten gevolge der Pruissische Verordening van 28 december 1836, na 1 maart op de Vervoer der Goederen onder Nederlandse vlag meerder zouden geheven worden, dan wanneer dezelve onder Pruissische of een andere bij opgemelde Verordening bevoordeelde vlag vervoerd waren, van de Eigenaars der Goederen niet zullen worden terug gevorderd, maar blijven zullen ten laste van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Het Belgische schip MARIE ANTOINETTE (opm: een vissersschip uit Oostende: visnummer O. 22)., kapt. J. Everaart, van Ostende te Leith gearriveerd, is volgens brief van daar van den 11 dezer, wegens smokkelen van een grote partij tabak, door de tolbeambten in beslag en de gehele equipagie in verzekerde bewaring genomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 februari. Te Buenos-Ayres was den 24 november (opm: 1836) bezig met zijn lading in te nemen het schip L’AIMABLE LUCETTE, kapt. Faisant, voor Rotterdam.


28 februari 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 februari. Den 25 dezer arriveerden te Helvoetsluis L’AIMABLE LUCETTE, E.F. Faisant, van Buenos-Ayres, en de HOOP, J. Butijn, van Newcastle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 februari. Het schip ADRIANUS JACOBUS (opm: brik ADRIANUS EN JACOBUS), kapt. A. Plokker, van Rotterdam naar Baltimore, te Deal binnen, heeft de reis voortgezet, doch is den 20 dezer uit zee te Deal terug gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 februari. Het schip JOHANNA, kapt. J.G. Frudden, van Smyrna (opm: Izmir) naar Amsterdam, is den 20 dezer te Portsmouth binnengelopen, met verlies van roer en zware schade aan de zeilen; ligt in quarantaine. (opm: zie RC 090337 en 300337)


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlie, 24 februari. Heden morgen is alhier gestrand het Portugese schoenerschip ANDORINA, kapt. José da Silva Cries, van Lissabon naar Hamburg, laatst van Guernsey, geladen met rum en koffie. De equipage is geborgen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ADRIANUS JACOBUS (opm: brik ADRIANUS EN JACOBUS), kapt. A. Plokker van Rotterdam naar Baltimore, te Deal binnen heeft deszelfs reis voortgezet, doch is op 20 februari te Deal uit zee teruggekeerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNECHINA (opm: kof ANKINA), kapt. N.W. Hazewinkel van Amsterdam naar Hamburg is op 19 februari op de rede van Vlieland aangekomen en naar de haven van Terschelling gezeild.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VERWACHTING, kapt. J.A. Hansen, van Amsterdam naar Bayonne, te Falmouth binnen, heeft op 16 februari de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande de Pruisische brik JULIE UND MARIE, kapt. Wendt, voor wijlen kapt. O. Bartels, van Dantzig te New York gearriveerd, wordt van daar van 23 januari gemeld, dat dezelve, nadat de kapitein op 2 november bij stormweer overboord geslagen en verdronken was, reeds op 1 januari bij New York aangekomen, doch weder van daar weggestormd was geweest en daarbij een anker verloren heeft.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Blnnengekomen: den 12 februari het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 13 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Newcastle.
Den 15 dito het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, van Newcastle.
Den 17 dito het kofschip GEZINA, kapt. B.A. Visser, van Newcastle.
Den 19 dito het schoenerschip LIVELIJ, kapt. S.H. Finch, van Londen.
Uitgezeild: Den 19 februari de schoenerschepen FRIENDS, kapt. J. Manning, HOPE, kapt.
W. Cousins, beide naar Londen en SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Newcastle.
Den 20 dito het kofschip ZEELUST, kapt. R. Sluik, naar Noorwegen.


01 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, maandag 27 februari 1837:
- Een welbezeild barkentijnschip, de EENSGEZINDHEID, gevoerd door wijlen kapt. P.T. Kuyper, laatstelijk door C.J. Jaski: NLG 8.500, in slag NLG 25. Koper J. Corver (opm: een makelaar namens scheepsbouwer J.W. Meijjes, Amsterdam)
- Een gekoperd en met koperen bouten gehecht schoener-kofschip, de JONGE JACOB, kapt. Volkert H. Kramer: NLG 14.500, in slag NLG 3.500. Koper A.W. Abrahamsz (opm: een makelaar namens N.J. Pook van Baggen; nieuwe naam AMSTEL, kapt. V.H. Kramer behield het commando)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 28 februari. Van Krawang wordt gemeld, dat op den 6 dezer op de hoogte van Pakkies, in de nabijheid der kampong Tjamara (opm: Camara, 06º35’ ZB 105º36’ OL), is gestrand het brikschip FATHOEL MOENGIEN, komende van Palembang en bestemd naar Batavia. Volgens opgave van de gezagvoerder Oey Tjoenling, moet dit ongeluk worden toegeschreven aan het verlies van het roer gedurende zeer onstuimig weder in de nacht van den 4 dezer. Men had bij de verzending van dit bericht alle hoop om door de adsistentie der plaatselijke autoriteit het vaartuig, waarvan de halve lading reeds te voren door de gezagvoerder over boord was geworpen, weder vlot te krijgen.
(opm: de brik kwam weer vrij, zie JC 220337)


  JC - Javasche Courant

Rotterdam, 26 oktober (opm: 1836). Gisteren is hier op ’s Rijks werf met goed gevolg van stapel gelopen Zr.Ms. stoomschip PHOENIX.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op de 1e maart aanstaande zal te Soerabaija, ten huize van de weduwe Von Franquemont publiek worden verkocht de brik ONDERNEMER met hetgeen zich aan boord bevindt.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 25 februari. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip OCEAAN, kapt. P. Zunderdorp, de 11e november vertrokken van Helvoetsluis.


02 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 28 februari. Z.M. heeft opnieuw aan ieder van de twaalf tot het loodswezen van het Oude Schild behorende loodsschippers, gelijk ook aan ieder van de dertig daartoe thans nog behorende binnenloodsen, van april aanstaande tot ultimo september, een Rijks toelage verstrekt van NLG 2,50 aan ieder der schippers, en van NLG 2, aan ieder der loodsen per week.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Den 28 passato (opm: verleden [maand]) zeilden van Helvoetsluis de VROUW GEZIENA, C.H. Luch, naar Londen, HARMONIE, H.H. Naatje, en de JONGE TJARK GIEZEN, L.T. Sok, naar Newry, KLEINKINDEREN, A. den Breems, naar Gibraltar, GEZIENA, K.K. Wijkmeyer, naar Liverpool; de VRIENDSCHAP, R.R. Sap, en JUFFER WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, naar Belfast, en GEERTRUIDA SMITS, E.C. Eilts naar Bordeaux.
Den 28 passato arriveerden SUSANNA, W.J. Mulder, van Londen, en MARGRETHA, T.K. Mulder, van Liverpool. De wind N.O.
Den 1 maart zeilden JACOBUS, J. Lourens, NICKERIE, J. Bunnemeyer, VLASHANDEL, H.H. Uil, HARMONIE, B.J. Mulder, FACTORY, J. Parlevliet en CATHARINA, F. Rietmeyer naar Batavia, VENILIA, R.J. Kranenburgen, AMPHITRITE, J.A. Jaborg, naar New-York; TWEE VRIENDEN G.S. Bakker, en HILLECHINE, H.H. Brakke, naar Belfast, en de TREKVOGEL, J. Spanjersberg, naar Lissabon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Den 28 passato (opm: verleden [maand]) zeilden van Maassluis NEERLANDS KONING, H. van Rossen, en ALGEMEEN BELANG, J. Warnaar, naar de Noordzee; CATHARINA JOSEPHINA, P.J. Muntendam, naar Bordeaux de JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, naar Belfast; SCHEEPSBOUWLUST, C. Goedenraad, naar Lissabon, en de VROUW HENRIETTE, H.F. Klie, naar Liverpool. De wind O.N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Van Brielle wordt den 1 dezer gemeld dat de HOOP EN VLIJT, A. den Boogert, van Bergen, arriveerde en nog in de Put ten anker ligt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip (opm: fregat) de DORDTENAAR, kapt. J.F.P. Abbema, van Dordrecht naar Batavia, is, volgens brieven van Dordrecht van den 24 en 25 februari, aldaar voor de stad op de rivier liggende, in de nacht tussen den 23 en 24 dito van voor zijn ankers driftig geworden en gestrand. In weerwil van alle dadelijk aangewende pogingen had het nog niet afgebracht kunnen worden, doch men hoopte, ofschoon ook een geschikte kiellichter (opm: breed, zwaar, vierkant vaartuig met platte bodem) van Rotterdam niet te bekomen was, door andere middelen het weder in vlot water te zullen brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip WILLEM OLIVIER, kapt. G.J. Korter, van Harlingen naar Bordeaux, te Harwich met schade binnen en op de helling gehaald, is den 18 februari weder van de heling te water gelopen. (opm: zie NRC 100137, 140237 en 140337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip CONCORDIA, kapt. J.N. Diets van Amsterdam naar Suriname, laatst van Harwich en Deal (opm: zie RC 050137 en 090237), is den 22sten, en het schip NERVA, kapt. M. Bunker, van Antwerpen naar New-York, den 23 februari te Ramsgate binnengelopen, het laatste met verlies van twee ankers en schade aan de braadspil (opm: horizontale windas van het ankergerei).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip de HARMONIE, kapt. G.E. Boer (opm: ook wel G.E. de Boer), met suiker en verwhout van Suriname naar Amsterdam, is volgens brief van Cowes van den 23 februari, na zware stormen te hebben doorgestaan, die dag lek, met schade aan het roer en verlies van boten, zeilen, enz. aldaar binnengelopen. Het schip zou door een commissie onderzocht worden en waarschijnlijk moeten lossen om te repareren. (opm: zie RC 090337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip de MAASNYMPH, kapt. J.F. Verschuur, van Schiedam naar Boston, te Cowes binnen (opm: zie RC 180237), had, volgens brief van daar van den 23 (opm: februari), na van de geleden schade hersteld te zijn, de lading bereids weder ingenomen en was gereed om de reis voort te zetten


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Het schip PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. A. van den Abeele, van Rotterdam naar New-York, in Torbay lek binnen, is, volgens brief van Cowes van den 23 februari, na van de geleden schade hersteld te zijn en het lek gestopt te hebben, den 20 februari uit de haven naar de baai gehaald om de reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. Aangaande het schip (opm: smak) de ONDERNEMING, kapt. D.L. Kuipers, van Amsterdam naar Hull, den 9 november van Texel naar zee gezeild, is sedert niets vernomen geworden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, makelaars te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag den 7 maart 1837, ten vier ure namiddag, in het Locaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk A, No. 458, te veilen en verkopen: het snelzeilend Nederlands gebouwde Kofschip genaamd COURIER, gevoerd bij kapt. Philippus de Best, volgens meetbrief lang 19,38 el, wijd 3,86 el, hol 1,85 el, en alzo groot 62 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve is liggende in de Wijnhaven, zuidzijde nabij de Bierstraat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 maart. De kof HELENA, kapt. D.J. Greeven, met meekrap, enz. van Dordrecht naar Liverpool, te Helvoetsluis gereed liggende om naar zee te zeilen, is met 2 el 26 duim (opm: 2,26 m.) water in het ruim tegen de Koorndijk, aan de zuidzijde van het Spui aldaar, gestrand en zat zeer hoog, hebbende bij laag water omtrent 1 el 40 duim water bij het schip. (opm: zie RC 040437)


03 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Smyrna, 28 januari. Het Nederlandse brikschip HENDRIKA ELISABETH, kapt. A. Riedijk, is de 23e onder zeil gegaan naar Rotterdam met een rijke lading en voorzien van een gezondheidspas.
Het Nederlandse schip MARIA CATHARINA, kapt. Swart, moet naar Triëst laden, vermits hetzelve geen genoegzame lading voor Amsterdam heeft kunnen vinden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 25 februari. Het schip JANE AND MARGARETH, hetwelk in het begin dezer maand uit Liverpool naar New York vertrokken was met 200 landverhuizers en een aantal andere passagiers is op zee vergaan. Geen der schepelingen of passagiers is voor zover men kan nagaan gered.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Strandvonder ad interim van Ameland, zal, op dinsdag den 7 maart aanstaande, des voormiddag ten negen ure, bij het Strandvonderij pakhuis te Hollum op Ameland, in het openbaar aan de meestbiedenden, om contant geld, presenteren te verkopen: negen balen onbereide Schrijfpennen, inhoudende 10.850 bos van 100 stuks, geborgen van de lading van het gestrande Hanoversch Tjalkschip DIE HOFFNUNG.
Ameland, den 27 februari 1837.
De Strandvonder ad interim van Ameland Van Heeckeren


04 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Van de Koorndijk wordt gemeld, dat in de nacht tussen den 23 en 24 februari laatstleden, in een hevige orkaan, aldaar over hoofden en palen in een zinkende staat is gestrand het kofschip HELENA, kapt. D.J. Greeven, komende van Dordrecht en bestemd naar Liverpool, na alvorens drie ankers en het roer verloren en geweldig gestoten te hebben. (opm: zie RC 020337 en 180337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. In die nacht (opm: 23-24 februari) is aan de noordzijde van het eiland Noord-Beveland, onder Wissekerke, totaal verbrijzeld het vaartuig van de schipper Bronne R. Segers, die met twee knechts zijn dood jammerlijk in de golven heeft gevonden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Den 1 dezer zeilde van Helvoetsluis VIER GEBROEDERS, A.J. Bakker, naar New-York, en arriveerde de VROUW FEMMEGINA, A.K. Braam, van Tremblade (opm: La Tremblade, 45º46’ N.B. 01º08’ W.L.).
Den 2 dezer arriveerde KAREL EN HERMAN, J. Sirck, van Bergen.
Den 3 dezer zeilden VRIENDSCHAP, J. Kwakkelsteyn, en de JONGE ALIDA, A.G. van Berkel, naar Lissabon, en ALBERDINA, H. Potjewijd, naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Den 3 dezer zeilden van Maassluis NIJVERHEID, H. de Kromme, en WILLEMINA, G. Treus, naar de Noordzee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. In Texel zijn binnengekomen kapt. D.D. de Jong, van Hull, en kapt. J. Tope, van Londen, aan boord hebbende kapt. L. Witkop en equipagie van het schip de ZEEUW, komende uit Sunderland en geladen met steenkolen, in een zinkende staat overgenomen en was bestemd naar Middelburg. (opm: zie PGC 070337 en RC 140337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Het schip de VERWACHTING, kapt. H.A. Hansen, van Amsterdam naar Bayonne, te Falmouth binnen, was den 22 februari nog aldaar liggende wegens tegenwind, en heeft dus niet, zoals bevorens door verkeerde opgave gemeld is, den 16 februari de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Het schip de DRIE VRIENDEN, kapt. H.J. Greven, met beenzwart (opm: zwart poeder uit verkoolde beenderen) van Amsterdam naar Nantes, is, volgens brief van Brest van den 16 februari, enige dagen tevoren wegens slecht weder op die rede binnengelopen en was alstoen nog aldaar in goede staat liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Het schip AMSTERDAM PACKET, kapt. J.E. Abel, was, volgens brief van Bergen van den 3 februari, bezig met een lading in te nemen, om daarmede binnen weinige dagen van daar naar Amsterdam te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 maart. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 28 februari:
Men schrijft uit Milford, den 23 dezer, dat de NEÊRLANDS TROUW, De Groot, aldaar met lek was binnengelopen, maar reeds weder gereed om verder te zeilen.


06 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Aangaande het schip VROUW MARGRIETHA, kapt. E.M. ten Cate (opm: hektjalk VROUW MARGRIETA, bouwjaar 1834; kapt. Eilardus Meurs ten Cate), van Newcastle naar Amsterdam, heeft men sedert deszelfs vertrek van Shields in de maand december niets vernomen en zal dus vermoedelijk bij Hasbrock (opm: Hasborough) verongelukt zijn, als zijnde aldaar het wrak van een Nederlandse tjalk van die naam aangedreven.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, A. van der Sluys, J. Corver, J.H.A. Balwé, H. Salm, B.D. Bosscher en J.J. Korthals, makelaars, zullen op maandag de 20e maart 1837, 's avonds te 6 uur, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen het extra ordinair wel bezeild Nederlands gekoperd twee-deks barkschip, genaamd CHRISTINA BERNARDINA, gevoerd door kapt. Christiaan Jäger, volgens Nederlandse meetbrief lang 26 ellen, 70 duimen; wijd 5 ellen, 77 duimen; hol 4 ellen, 47 duimen.
Breder bij de inventaris vermeld en bericht bij genoemde makelaars. (opm: zie AH 220337)


07 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage. Met den 1 dezer is, ingevolge koninklijk besluit, aan het instructie-vaartuig bij het Koninklijk Instituut voor de Marine te Medemblik, URANIA, een eigen rol van 40 koppen gegeven.
De luitenant ter zee van de 1e klasse, J.D. Velsberg, als kapitein bij de coloniale marine overgeplaatst, is eervol uit het vaste corps zeeofficieren ontslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage. Sedert de laatst gedane bekendmaking zijn door de belanghebbenden geligt de volgende door Zijne Majesteit verleende octrooijen:
Een octrooi in dato 29 december 1836, voor de tijd van tien jaren verleend aan de graaf P.A. de Fontaine Moreau en A.L. Vogel, te Londen, domicilium gekozen hebbende bij Van Oven, in de Spuistraat, no. 375, te ’s Gravenhage, op de invoering van een verbeterde inrigting der middelen om schepen voort te stuwen.
Een octrooi in dato 25 januari 1837, voor de tijd van vijf jaren verleend aan de weduwe J.R. Willinghuysen en Zoon, te Amsterdam, op de uitvinding van een verbeterd scheepslicht of sein-lantaren.
Een octrooi in dato 31 januari 1837, voor de tijd van tien jaren verleend aan J. Henry Willes, te Londen, domicilium gekozen hebbende bij Mr. A.M.C. van Hall, advocaat te ’s Gravenhage, op de invoering van een nieuw soort van kaapstanders, geschikt tot het opheffen van lasten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Schipper Jacob Visser, voerende een vissloep, heeft enige dagen geleden dwars van Kamperduin, naar gissing acht mijlen van de wal, ontmoet een onderst boven liggend schip voor zijn anker, met de kiel boven water, zijnde plat gebodemd, het roer vast en stond nog een der masten. Genoemde visser heeft het met nog een vissloep willen kenteren, hetwelk bijna lukte, doch hun touwen braken en het werk liep daardoor vruchteloos af. Men heeft gezien dat het een doorgaande witgeschilderde rand had, dat de regelingen groen waren en er een vergulde krul voor stond; het was niet gekoperd en scheen een grote brik te zijn. Daar dit schip in het vaarwater ligt, zo worden de zeelieden daarvoor gewaarschuwd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Het schip (opm: tjalk) HENDRIKA, kapt. H.T. Leuning, van Bremen naar Amsterdam, is, volgens brief van Delfzijl van den 1 dezer, in goede staat aldaar binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. De schepen CONCORDIA, kapt. J.D. Diets, van Amsterdam naar Suriname, laatst van Harwich en Deal, te Ramsgate binnen, de VERWACHTING, kapt. J.A. Hansen, van Amsterdam naar Bayonne, te Falmouth binnen, GENERAAL VAN DEN BOSCH, kapt. J. Parlevliet Fzn, van Rotterdam naar Batavia, te Portsmouth binnen, en DE HOOP, kapt. J.H. Mugge, van Rotterdam naar New-York, te Douvres (opm: Dover) binnen (opm: zie RC 140237), hebben hun reizen voortgezet, de drie eersten den 26 en het laatste den 25 februari.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Het schip ALEXANDER, kapt. W.E. Mertens, twintig dagen reis hebbende van Baltimore naar Rotterdam, is den 24, en het schip MARIA, kapt. J. Cruchy, van Havana, om order, den 25 februari te Cowes binnengelopen; het eerste heeft den 27 dito de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. De schepen DE VREDE (opm: hoeker), kapt. K. Zwanenburg, van Amsterdam naar Lissabon, te Dartmouth binnen, en PRINS FREDRIK DER NEDERLANDEN (opm: brik), kapt. A. van den Abeele, van Rotterdam naar New-York, in Torbay binnen, hebben hun reizen voortgezet, de eerste den 25 en het laatste den 23 februari.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 maart. Uittreksel uit de Lloyd’s lijst van den 3 maart: gearriveerd te St. Helena Versluys (opm: bark WIJNHANDEL, kapt. Th. Versluys) van Batavia, zijnde den 10 januari naar Rotterdam gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De notaris Van der Elst, te Werkendam, zal aldaar, ten Herberge van A. Verdoorn, op vrijdag den 10 maart 1837, des namiddags om 2 ure, publiek verkopen: een Gaffelschip, genaamd DE VROUW LOUISA, groot 88 tonnen, met staande en lopend want, zeilen, ankers, kabel en kettingkabel en al zijn toebehoren, volgens inventaris, gevoerd door schipper H. Sierie, vroeger bevaren door schipper Oudshoorn.
Zullende de veiling van hetzelve schip plaats hebben zo als het geheel onbeschadigd is liggende te Werkendam, op de zogenaamde Hooikens, tegen Sasdijk; doch bij niet genoeg geldig zal alleen het Hol of de romp van gemeld schip met mast, roer en zwaarden verkocht worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Oude Keulsche Beurt.
De schippers van bovengemelde Beurt, alle onder Nederlandse vlag varende, geven bij deze aan de Handel te kennen, dat zijlieden voorlopig op dezelfde voet als gepasseerde jaar en dus ook per stoomsleping de goederen van Rotterdam naar Keulen blijven vervoeren; komende in geen geval de bijkomende onkosten hoger dan voor die goederen, welke in Pruissische of tot de Tolvereniging behorende schepen worden verladen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houders der cognossementen over 50 balen sumak, gemerkt P, diverse nommers, 100 balen sumak, gemerkt B, no. 300 – 399, en 15 vaten anijszaad, gemerkt VG, no. 1 – 15, alhier aangebragt van Triëst, per het schip GOED BESLUIT, kapt. H.W. Drent, worden bij deze nogmaals verzocht zich ten spoedigste aan te melden bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande het schip (opm: smak) de VROUW MARGARETHA kapt. M.L. de Boer van Rostock naar Antwerpen of Brussel, 4 oktober Tonningen (opm: Tönning) gepasseerd en van hetwelk 31 oktober het achtergedeelte der boot voor de Eems is gevonden, heeft men sedert niets vernomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De te Middelburg thuisbehorende kof de ZEEUW, kapt. L.S. Witkop, met steenkolen van Sunderland naar Middelburg, is volgens brief van het Nieuwe Diep van 1 maart op 24 februari op de Bruine Bank, Texel Z.O. 14 mijlen van zich, in zinkende staat door de equipage verlaten geworden, welke op 26 februari opgenomen en die dag aldaar aangebracht zijn door het te Bristol thuisbehorende schip LEDA. kapt. J. Tope, van Londen. (opm: zie RC 040337 en 140337)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HENDRIKA, kapt. H.T. Leuning, van Bremen naar Amsterdam, is volgens brief van Delfzijl van 1 maart, aldaar in goede staat binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het Nederlandse schip (opm: kof) MARIA CATHARINA, kapt. G.L. Swart, voor kapt. P. Bakker, zou volgens brief van Smyrna van 28 januari aldaar een lading voor Triëst innemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 2 maart het kofschip PIETERDINA, kapt. H.R. Duit, van Dantzig (opm: Gdansk).
Den 3 dito het kofschip EUROPA, kapt. K.J. Scholtens (opm: tjalk, kapt. Koop Jans Scholtens), van Dantzig, het sloepschip JOHNS, kapt. Bulmer, van Stockton.
Uitgezeild: Den 26 februari het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, naar Stockton, het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, naar Londen, het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, naar Leith.
Den 28 dito de kofschepen de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, beide naar Noorwegen en JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veer, naar Gibraltar.
Den 3 maart de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen, de JONGE HENDRIK, kapt. B.H. Plukker, JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, CORNELIA, kapt. R.A. Oortjes en DIE GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, alle vijf naar Noorwegen.


08 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip NOOIT GEDACHT, kapt. M. Lovius, van Bordeaux naar Rotterdam, is de 23e februari te St. Martin op het eiland Rhé als bijlegger binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

De ALBERDINA, kapt. Hazewinkel, van Bordeaux naar Amsterdam, is de 1e maart te La Rochelle met schade binnengelopen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 6 maart 1837: het welbezeild, met zink gedubbeld brikschip NIJVERHEID, kapt. A. van der Linden: NLG 3.000. Koper A. van der Sluys.


09 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Van Zandvoort meldt men den 6 dezer: Heden in de vroege morgen is alhier gestrand het schip GREY HERMAN WEDEL JARLSBERG, gevoerd door kapitein Niels Lund, geladen met hout, komende van Drammen en gedestineerd naar Amsterdam. De equipagie, bestaande uit negen personen, is door de alhier geplaatste reddingboot der Noord- en Zuid-Hollandsche Redding-Maatschappij, onder directie van de heer Cornelis van der Werff, gered. (opm: zie RC 140337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Den 8 dezer zijn te Helvoet gearriveerd DE HOOP, C. Bloem, van New-York, en ALEXANDER, W.E. Mertens, van Baltimore.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Te Terschelling is binnengekomen J.K. de Jonge, van Stettin (opm: Szczecin) naar Rouaan, als bijlegger door haverij (opm: averij); ligt in de haven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Aangaande het schip de VROUW MARGRIETHA (opm: hektjalk de VROUW MARGRIETA), kapt. E.M. ten Cate, van Newcastle naar Amsterdam, heeft men, sedert het vertrek van Shields in de maand december 1836, niets vernomen en zal dus vermoedelijk bij Hasbroo (opm: Happisburgh, 52º49’ N.B. 01º31’ O.L.) verongelukt zijn, als zijnde aldaar het wrak van een Nederlandse tjalk met die naam aangedreven. (opm: zie RC 070137).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Het schip (opm: fregat) PRESIDENT SCHIMMELPENNINCK, kapt. A. Nannings, van Amsterdam naar Batavia, is volgens brief van Deal van den 28 februari, die dag door de aldaar thuis horende loodsboot GIBSEY, schipper Weston, op de hoogte van Goodwin Sand gepraaid, hebbende de voormarsra, de begijnera en de bramsteng verloren en schade aan de fokkerust (opm: zware houten, latere ijzeren plaat die op zijn kant horizontaal tegen de buitenhuid gebout werd om als spreider voor het want [hier van de fokkemast] te dienen en dit vrij van de verschansing te houden) bekomen, zodat het geen bram- of kruiszeil voeren kon. Het zette echter de reis voort zonder enige hulp te verlangen. (opm: zie RC 110337 en 180437)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Het schip JOHANNES (opm: waarschijnlijk JOHANNA, zie RC 280237 en 300337), kapt. J.G. Frudden, van Smyrna (opm: Izmir) naar Amsterdam, te Portsmouth met schade binnen (opm: zie RC ), was den 27 februari nog op de Motherbank onder quarantaine liggende, hebbende tot dusverre van Londen geen verlof kunnen bekomen, om daarvan ontslagen te worden en in de haven te halen. (opm: deze langdurige quarantaine hield verband met de uitbraak van de pest in de laadhaven Smyrna; zie echter RC 180337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Het schip (opm: galjoot) NICOLAAS WITSEN, kapt. F. Lange, van Amsterdam naar Suriname, te Portsmouth binnen, heeft den 28 februari, met N.O. wind en mooi weer de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. Het schip NOOIT GEDACHT, kapt. M. Lovius, van Bordeaux naar Rotterdam, is den 23 februari te St. Martin (op het eiland Rhé) als bijlegger binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 maart. De kof HARMONIE, kapt. G.E. de Boer, van Suriname naar Amsterdam, te Cowes binnen (opm: zie RC 020337), was den 27 februari bezig met repareren, zonder dat het nodig was de lading te lossen.


  JC - Javasche Courant

Rotterdam, 26 oktober (1836). Gisteren is op ’s Rijks werf alhier met goed gevolg van stapel gelopen Zr.Ms. stoomschip PHOENIX.


10 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Boelen, makelaar, zal op maandag de 20e maart 1837, 's avonds te 6 uur, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, verkopen een extra ordinair wel bezeild gekoperd drie-mast galjootschip, genaamd DE HERSTELLER, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd door kapt. Cornelis van der Wind, volgens Nederlandse meetbrief lang 30 ellen; wijd 5 ellen, 50 duimen; hol 2 ellen, 92 duimen en alzo gemeten op 113 lasten. Breder bij de inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaar. (opm: zie AH 220337)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De vissloep LAND EN ZEEVRUCHT, stuurman Jacob Visser, is volgens brief van Den Helder van 3 maart, na 28 februari op de hoogte van Kamperduin, 7 à 8 mijlen van de wal, in 16 vadem water op een ondersteboven ten anker liggende grote, niet gekoperde brik gezeild te zijn, zwaar lek te Texel binnengelopen. Stuurman Visser rapporteerdt, dat dezelve brik juist in het vaarwater en dus zeer gevaarlijk voor een anker met de kiel boven water lag, hebbende een platte bodem, het roer vast, nog een der masten staande, een vergulde krul voorop, groene reelings en een witte lijst, als ook dat hij met hulp van een vissloep pogingen had aangewend om dezelve recht te kenteren, doch zulks, na daar bijna in geslaagd te zijn, door het breken der touwen mislukt was.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen (opm: koffen) PETRUS LUDOVICUS, kapt. W.J. Wilkens en ENGELINA, kapt. R.H. Bok, waren op 1 maart te Liverpool bezig met derzelver lading voor Rotterdam in te nemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Dokkum, den 4 maart 1837. Heden overleed alhier in de ouderdom van bijkans 87 jaren H.H. Boersma, in leven oud kofschipper.


11 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 9 maart. Bij wijziging van Zr Ms. besluit van 11 juni 1833, no. 15, is bepaald, dat de premiën bij het engageren van matrozen voor de 1e klasse zullen zijn gesteld op NLG 12 voor ieder jaar, waarvoor zij zich zullen engageren, en dat deze engagementen zullen plaats hebben voor 5, 4, 3 of 2 jaren;
dat onder dezelfde voorwaarden de premiën voor de matrozen der 2e klasse zullen zijn gesteld op NLG 8 en voor die van de 3e klasse op NLG 4, mits zich niet minder engagerende dan voor 3 en 4 jaren;
dat voor dek- en onderofficieren, niet tot het vaste corps behorende, geen hogere premiën zullen worden verleend dan voor de matrozen der 1e klasse is bepaald, en voorts dat het aanbrenggeld voor die dek- en onderofficieren, mitsgaders voor de matrozen der 1e klasse zal wezen NLG 3 en voor de matrozen der 2e en 3e klasse NLG 2 per kop, voor ieder jaar waarvoor zij zullen worden geëngageerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 maart. Kapt. D. Varkevisser, te Helvoetsluis binnen, rapporteert, op 49º3’ N.B. en 5º30’ W.L. van Greenwich gezien te hebben de bark WIJNHANDEL, kapt. Th. Versluys, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 maart. Den 9 dezer zijn te Helvoetsluis gearriveerd NEÊRLANDS KROONPRINSES, D. Varkevisser, en de VROUW JOHANNA ELISABETH, H.J. Bonn, van Batavia; MARIA JOHANNA, D. van der Valk, van Lissabon; CERES, J. Noord, NEÊRLANDS TROUW, W.K. de Groot, ZEELUST, D.J. Mik, en ANNETTE, J. van den Oever, van Liverpool.
Den 10 dezer was er voor de wal een brik, denkelijk de WIJNHANDEL (opm: bark), kapt. Th. Versluys. De wind Z.Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 maart. Den 10 dezer arriveerde in de Maas ALIDA GIEZEN, J.J. Zelling, en ALBERDINA, G. Veenema, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 maart. Het schip (opm: fregat) PRESIDENT SCHIMMELPENNINCK, kapt. A. Nannings, van Amsterdam naar Batavia, den 6 februari uit Texel naar zee gezeild, was, volgens brief van Plymouth van den 3 dezer, die ochtend ten half negen ure aldaar voor de haven bezig met langs de dam of de waterkering (opm: breakwater) naar binnen te halen, hebbende zeilen, stengen, ra’s, tuigagie enz. verloren. (opm: zie RC 090337 en 180437)


  AH - Algemeen Handelsblad

Kapt. D. Meyer, voerende het schip ZODIACUS, van St. Thomas te Altona aangekomen, rapporteert de 28e februari op 12 mijlen west van Texel te hebben zien zinken de Nederlandse kof de ZEEUW (opm: kapt. L.S. Witkop), van Middelburg. Het was door het volk verlaten en had de grote mast, boegspriet, roer en zwaarden verloren.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J.E. Lublink en J.A. Lublink, makelaars, zullen op dinsdag de 28e maart 1837, 's avonds te 6 uur, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, verkopen een extra ordinair wel bezeild en onlangs aanzienlijk vertimmerd kofschip, genaamd NEPTHUNUS, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd door kapt. R.J. Hottinga, volgens Nederlandse meetbrief lang 24 ellen; wijd 5 ellen, 4 duimen; hol 2 ellen, 56 duimen en alzo gemeten op 138 tonnen of 73 lasten.
Breder bij de inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars. (opm: zie AH 300337)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ALIDA GIEZEN, kapt. J.J. Zelling, van Londen naar Amsterdam of Rotterdam, is op 4 maart te Harwich binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip IDA CATHARINA, kapt. J.V. Veenhorst van Amsterdam naar Glouchester, was op 8 maart op de hoogte van Penzance.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip GEERTRUIDA HENDRIKA, kapt. E.R. Zoutman, was op 6 maart bezig met een lading voor Amsterdam in te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ALBERDINA, kapt. H.A. Hazewinkel van Bordeaux naar Amsterdam is op 12 september 1836 te La Rochelle binnengelopen en heeft na volbrachte reparatie op 2 maart de reis voortgezet.
JC 110337
Batavia, 7 maart. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip OUD ALBLAS, kapt. J.E. Strumphler, de 11e november vertrokken van Dordrecht.


13 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Van Amsterdam naar Batavia, zal tegen de 26e van de maand maart 1837 vertrekken, het nieuw en extra op de zeilagie gebouwd en gekoperd Nederlands twee-deks barkschip, genaamd THEODORA EN SARA, gevoerd door kapt. Jan Schut. Passagiers voor de overtocht naar Java van deze gelegenheid gebruik wensende te maken, waartoe hetzelve bijzonder ingericht is, gelieven zich en tijds aan te melden bij de cargadoors B.D. Bosscher op de buitenkant bij de Schipperstraat en d’Arnaud en Co. op de binnenkant bij de Kalkmarkt.


14 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. In de Javasche Couranten tot den 16 november 1836 vindt men:
Bij een resolutie, van den 25 september laatstleden (opm: 1836), wordt bepaald, dat voortaan aan alle vaartuigen, zonder onderscheid, mits voorzien van Nederlands-Indische zeebrieven of jaarpassen, zal zijn toegestaan om in de onderscheiden havens van Timor handel te drijven.
Straat Sunda doorgezeild de Nederlandse schepen BELLONA naar Rotterdam, en ONDERNEMING naar Amsterdam, beide van Batavia, het laatste laatst van Anjer.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brikken ORESTES en CIRCE, civiele schoeners NIOBẾ, ZWALUW, ALCINOE en ANADYOMENE, Nederlandse schepen FATAL HAIR, ADMIRAAL DE RUITER, MERCURY, SUMATRA, HELENA, DE HOOP VAN ALBLASSERDAM, JEANNETTE PHILIPPINE, ANTHONY, KORTENAER, L’ESPERANCE en MAKASSER,
brikken PEENGHOEY, de HOOP, TWEE GEZUSTERS, DE PRINS DER NEDERLANDEN, KIMWAN, ALYDA, INDRAMAYOE, FATAL HILWAHAP, SOPHIA en PASSEKAN, barken TALSUM, FATAL KARIM, BLORA, LOUISA, DOROTHEA HENRIETTE, JOHANNA WILHELMINA, FATAL GHAIR, TESSIER, FATAL HAIR en TAN GOANSING,
schoeners JOHANNA CHARLOTTA, MARZOEK, MARIA FREDERIKA, GOANKIEN, CORINGA en FATAL HAIR, Kniphauser brik DIANA, Amerikaanse schepen GEORGE CABOT, DUXBURY en BRUNETT, Engelse schip BENCOELEN en Frans schip LE GRAND DUQUESNE.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen DE VRIENDEN en JACOB CATS naar Soerabaya en ZEEMANSHOOP naar Samarang.
Te Samarang is gearriveerd van Batavia het Nederlandse schip de STAD AMSTERDAM, en van daar gezeild, over Batavia, het dito schip MERCURIUS naar Middelburg.
Ter rede van Soerabaya lagen den 9 november Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners JANUS en CASTOR,
Nederlandse schepen SINGAPOERA, PETRUS, NEÊRLANDS KONINGIN en GENERAAL CHASSẾ, brikken SUSANNA DOROTHEA, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR,
barken ONDERNEMING en POLLUX, schoeners IRIS, OEJOONG PANDAN, FATAL KAIR en CALYPSO, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE en Engels schip CYNTHIA.
Van Soerabaya zijn gezeild de Nederlandse schepen JAVAAN en EMANUEL naar Samarang en Batavia, en ELIZABETH, over Tjilatjap (opm: Cilacap), naar Nederland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Den 10 dezer arriveerde te Helvoetsluis WIJNHANDEL, Versluys, en APOLLO (opm: fregat), C.M. van Dijcke, van Batavia; de HOOP, D. Guyt, de VROUW NEELTJE, K. Parrel, en ZORG EN VLIJT, E. Berghuis, van Liverpool, en LAETITIA, L.J. Rotgers, van Bordeaux.
Den 11 zeilde ALETTA, F.B. Nepperus, naar Grangemouth, en arriveerden SIBILLA GEZIENA, J.H. Ricke, van Bordeaux, en ENGELINA, R.H. Bok, van Liverpool.
Den 12 zeilde GOEDE HOOP, H.B. de Jonge, naar Hull, en arriveerde ZORGVLIET, A.J. Hubert, van Glasgow. De wind Z.W. en W.
Den 12 arriveerde NOOIT GEDACHT, M. Lovius, van Bordeaux.
Den 13 arriveerde GEZIENA, P.P. Muntendam, van Glasgow, en zeilden EENDRAGT, C. van Gelderen jr, naar Kadix (opm: Cadiz), EENDRAGT, C. Ouwehand, naar Triëst, MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, naar Newry, ZEEMEEUW, D. Noordhoek, naar Lissabon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Den 10 dezer zeilde uit de Maas UNTERNEHMUNG, H.A. Jongbloed, naar Arbroath, die op de rede terug gekomen is.
Den 12 zeilden de JONGE HARM, J.G. Schrader, naar Firth of Forth, en ANNECHINA, E.S. van Wijk, naar Dundee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Het schip GREY HERMAN WEDEL JARLSBERG, kapt. N. Lund, van Drammen naar Amsterdam, bij Zandvoort gestrand (opm: zie RC 090337), zal weg zijn, kunnende niet weder afgebragt worden; de lading, tuigagie en inventaris worden geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. De Kniphauser stoomboot de ZWALUW (opm: zie LP 190237), kapt. J. Hinters, van Gent en Antwerpen naar Rotterdam, is, volgens bericht van Antwerpen van den 9 dezer, met zware schade aan de machine in een der havens van het eiland Walcheren binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Kapt. D. Meyer, van St. Thomas te Altona gearriveerd, rapporteert op 12 mijl bewesten Texel te hebben zien zinken (opm: op 28 februari) de Hollandse kof de ZEEUW, gevoerd geweest door kapt. L. Witkop, van Sunderland naar Middelburg, welker equipage haar reeds den 24 februari verlaten had en den 1 dezer in het Nieuwe Diep aangekomen is. (opm: zie RC 040337 en PGC 070337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Het schip WILLEM OLIVIER, kapt. G.J. Korter, van Harlingen naar Bordeaux, te Harwich binnen (opm: zie RC 020337), heeft den 3 dezer de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 maart. Den 8 dezer is vol water aan de Nolle, digt bij Vlissingen, een vissersschuit of schokker aangedreven, aan welks boord zich slechts het lijk van een jongentje bevond; volgens gevonden papieren is deze gevoerd geweest bij schipper A. Bijl, van Enkhuizen. Den 10e is het vaartuig op de zeewerken geheel verbrijzeld.


  AH - Algemeen Handelsblad

Tonningen, 8 maart. Kapitein K.B. Klaasen, voerende de ALBERDINA, van Koningsbergen naar Amsterdam met tarwe, erwten, enz., rapporteert door storm bij Helgoland op de klippen geraakt te zijn, doch door Helgolanders tegen betaling van NLG 1.400 afgebracht; door gedurig pompen is de lading waarschijnlijk onbeschadigd, doch het schip zal veel geleden hebben. (opm: zie o.a. PGC 170337)


15 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De Engelse brik GEORGIANA, kapt. Haldon Wylie, met koffie, katoen en roodhout, van Aux Cayes naar Hamburg, laatst van Falmouth, is volgens brief uit Texel van de 11e maart, de 9e dito op de banken van het Eierland gestrand en de volgende dag verbrijzeld; het volk is gered, doch het schip met de lading geheel weg.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te Dordrecht ligt in lading naar Batavia, voor passagiers en goederen, het nieuwe, gekoperde en voor passagiers bijzonder ingerichte Nederlandse fregatschip BATO, kapt. Johannes Keyser, om op de 31e dezer, weer en wind dienende, van Hellevoetsluis te vertrekken.
Adres bij de gezamenlijke cargadoors te Dordrecht.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Mr. H.J. Offerhaus, notaris te Delfzijl, gedenkt op maandag de 20e maart 1837 (in plaats van op woensdag de 15e maart, zo als is geannonceerd), des voormiddags te 11 uur, ten huize van de kastelein H.G. Roelfzema te Delfzijl, publiek ten verkoop te presenteren een extra sterk en welgebouwd snel zeilend kofschip (opm: ALIDA MARIA), met diens inventaris, groot 68 gemeten tonnen, in den jare 1834 nieuw te Delfzijl uitgerust door de kapitein G.H. Peperboom en liggende thans te Amsterdam. Adres bij de heren Kranenborg en Zoon, aldaar.
N.B. De helft van het koopschat moet dadelijk worden betaald, terwijl het resterende onder voldoende borgstelling en tegen betaling van behoorlijke interest, bij termijnen kan worden voldaan.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 13 maart. Heden zijn hier aangekomen de Nederlandse bark DIEDERIKA, kapt. W. Muhldorff, met een passagier, de 15e februari vertrokken van Calcutta, en het dito schip INDIA, kapt. P. Vis, met verscheidene passagiers, de 11e november vertrokken van Rotterdam.


16 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 maart. Het heeft Z.M. de Keizer van Rusland behaagd, de koopvaardijschipper R. van Mellema (opm: kapt. Remt Willem Mellema, voerende de kof JONGE REINTJE) een gouden medaille met ’s Keizers beeltenis te schenken, als een blijk van Hoogstdeszelfs bijzondere tevredenheid over het redden van vele schepelingen van het Finlandse vaartuig genaamd ODIN.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, tot den 24 maart, het hecht en sterk gebouwd Rijnschip AURORA, groot 8286 centenaars (opm: à 50 kg = 414,3 ton), met al deszelfs gereedschappen, bevindende zich in de beste staat, volgens inventaris, en voorzien van kolenpapieren.
Den 28 maart wordt hetzelve publiek aan de meestbiedende, hetzij in zijn geheel, of tuigagie bijzonder, tot verkoop uitgesteld. Nadere informatie, met franco brieven, bij de eigenaar Peter C. Vonck, Rijnschipper te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Schiedam ligt in lading naar Lissabon, om spoedig te vertrekken, het Galjasschip KLAZINA EN DRIKJE, kapt. A. Schilperoord.
Adres bij Kuyper, Van Dam en Smeer te Rotterdam


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Dordrecht liggen in lading naar:
New-York (mede voor passagiers): het gekoperd Brikschip DANKBAARHEID, kapt. M. Vogelsang, om ten spoedigste te vertrekken.
Adres bij J.B. ’t Hooft, aldaar, en bij Kuyper, Van Dam en Smeer, te Rotterdam
New-York: het Galjootschip CERES, kapt. Jan Noord.
Belfast: het Kofschip ZEELUST, kapt. D.J. Mik.
Adres te Dordrecht bij de Heren G. Mauritz & J.B. ’t Hooft, en te Rotterdam bij Hudig & Blokhuyzen


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam ligt in lading naar:
Rostock (door het Holsteinsche Kanaal): het schip de FRIENDSCHAP, kapt. J.H. Zant.
Adres ten Kantore van Ch. en J.F Cornelder Hz. Te Rotterdam


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Den 13 dezer arriveerde te Helvoetsluis DOROTHEA MARIA, F.J. Brouwer, van Bordeaux, en zeilde in zee NEDERLANDSCHE NIJVERHEID, H.G. Pot, naar Batavia.
Den 14 dezer zeilden KLAZINA EN DIRKJE, A. Schilperoord, naar Lissabon; NEPTUNUS, W.A. Bakker, naar Liverpool; de VROUW CATHARINA, G.K. Wijkmeyer, naar Londonderry; J.C.J. VAN SPEYK, W.A. Smits, WELTEVREDEN, C.F. Lupcke, en het VERTROUWEN, W.B. Bakker, naar Batavia. De wind N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Den 13 dezer zeilde van Maassluis DIANA, G.K. de Boer, naar Hull, en arriveerde JAN HENDRIK, B. Kuyt, van Rouaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Uit hoofde van de harde wind heeft de stoomboot het schip NEÊRLANDS INDIË, kapt. J.G. Veening, naar Batavia bestemd, niet uit het Nieuwe Diep kunnen brengen, en is daardoor het schip (opm: kof) de JONGE LOUISE, naar Cardiff bestemd, tegen de Dam geraakt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Kapt. L.A.J. Boulet, van Batavia in Texel binnen, rapporteert in Straat Sunda gepraaid te hebben den 18 november (opm: 1836) het schip ANNA EN LOUISA, kapt. J.K. de Jong, en een bark, waarschijnlijk CLARA HENRIETTA, kapt. J. Blokziel, en den 22 het schip ABEL TASMAN, kapt. H.H. Zijlstra, alle drie van Amsterdam naar Batavia; den 21 januari, liggende te Ascuncion, het schip GOUVERNEUR, kapt. L. Vink, van Batavia naar Amsterdam, en den 9 dezer, op de hoogte van Wight, het schip DILIGENCE, kapt. H. Bos, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Van Deal wordt den 6 dezer gemeld, dat die dag een Hollands transportschip Duins was gepasseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Het schip GENERAAL VAN DEN BOSCH, kapt. J. Parlevliet Fz, van Rotterdam naar Batavia, te Portsmouth binnen, heeft den 25 februari met een gunstige gelegenheid de reis voortgezet (bevorens gemeld) en niet den 4 dezer, zoals door verkeerde opgave bevorens is gemeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 15 maart. Het schip NOOIT GEDACHT, kapt. M. Lovius, van Bordeaux naar Rotterdam, te St. Martin (op het eiland Rhé) binnen, heeft den 27 februari de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.J. van Driel, openbaar notaris, residerende te Goudswaard, geregt Korendijk, zal aldaar in het Regthuis op dinsdag den 21 maart 1837, des middags ten 12 ure, publiek, om contant geld, verkopen: het Hol van het sedert weinige jaren nieuw gebouwd Nederlands kofschip HELENA, gevoerd geweest bij kapt. D.J. Greven, zodanig als hetzelve gestrand is liggende op de Gorzen, aan de rivier Spui, onder genoemde gemeente, ten einde te worden gesloopt. (opm: zie RC 020337 en 040337)


17 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Algemene vergadering van stemgerechtigde deelhebbers in de Nederlandsche Handel Maatschappij, gehouden in het lokaal Zeemanshoop te Amsterdam, op donderdag de 16e maart 1837. De president van de Nederlandsche Handel-Maatschappij opende de algemene vergadering van de stemgerechtigde deelhebbers, op heden alhier gehouden, met een aanspraak, waarbij het doel van deze bijeenkomst (de maatregel van een lening ad NLG 13.000.000) werd aangewezen, onder herinnering aan de zegen door de Maatschappij genoten, blijkens de aanvankelijke bereiking van haar doel, de bloei en welvaart van Neerlands handel, scheepvaart en nijverheid; - de vergoeding van de opofferingen vroeger door de Koninklijke garant van de intressen gedaan, - het in 1836 uitgekeerde dividend, - het uitzicht daarop voor 1837, - en de hoop van daarmee te zullen kunnen voortgaan. Er werd voorts gewezen op de omvang van de door de Maatschappij gehouden veilingen, - op de bestaande O.I. koopvaardijvloot - op de vruchten van de nijverheid, - in één woord, op de invloed door de Maatschappij uitgeoefend, op Neerlands gewichtigste materiële belangen. - Tot de bestendiging en zo nodig de uitbreiding daarvan, en ter bewaring van die nodige éénheid door de Maatschappij daargesteld, behoeft zij de vernieuwde uitbreiding van haar fondsen; en de rede van de heer president strekte verder ten betoog, hoe de medewerking, ter daarstelling van dit vermeerderde kapitaal, met het doel, om deze Nationale inrichting te beter in staat te stellen tot de verdere bereiking van haar nationaal oogmerk, door de algemene belangen gevorderd werd en tevens door die van de tegenwoordige deelhebbers in de Maatschappij, uit aanmerking van de gevolgen, welke van een ongenoegzaam fonds, voor de Maatschappij te wachten zijn; terwijl tenslotte werd aangetoond, dat de voorgestelde nieuwe lening, aan iedere geldschieter de meest mogelijke zekerheid aanbiedt tot de plaatsing van zijn gelden, waartoe op het vaste kapitaal van de Maatschappij, - het reeds aanwezige, voor uitbreiding vatbare reservefonds, in de aard van de werkzaamheden en zaken van de Maatschappij gewezen werd. De maatregel van de lening werd vervolgens voorgedragen in een concept-besluit, dus luidende:
- De algemene vergadering van stemgerechtigde deelhebbers in de Nederlandsche Handel-Maatschappij,
- Gehoord de gronden waarop vanwege de directie, het belang en de noodzakelijkheid is betoogd, van een tijdelijke vermeerdering van de tegenwoordige fondsen van de Maatschappij;
- Machtigt de directie tot het sluiten van een lening groot NLG 13.000.000, tegen de interest van 4½% 's jaars, en losbaar voor de afloop van het charter van de Maatschappij; onder verband dat zij geen gebruik zal maken van de aan haar, bij het 7e van de artikels van overeenkomst, verleende macht, tot vermindering van het bestaande kapitaal van NLG 23.000.000, tot zo lang deze lening niet geheel zal zijn afgelost."
De President de discussies over dit voorstel geopend hebbende, werd hetzelve in de eerste plaats nadrukkelijk ondersteund door de hoog edel gestrenge heer Staatsraad Canneman, commissaris voor de belangen van Zijne Majesteit, en de verdere leden van het vorstelijke huis, die verklaarde daartoe de hoge machtiging van de Koning te hebben verkregen, en onder een zeer vleiende hulde aan de directie van de Maatschappij, de vergadering nog aandachtig maakte op de waarborgen, welke de voorgestelde lening aanbiedt, waaronder, behalve de door de president aangegevene, ook nog het toezicht, hetwelk door commissarissen op de handelingen van de Maatschappij wordt gehouden en waarvan de uitslag tot nog toe, steeds de meest eenparige goedkeuring van de verrichtingen van de directie, had opgeleverd. Zijn ed.g. eindigde met de aanbeveling van het voorschreven voorstel, aan de overwegingen van de tegenwoordige leden, daarbij de wens uitende, dat deze vergadering, evenals die in het jaar 1831 te 's-Gravenhage gehouden, een nieuw bewijs moge opleveren, dat nog de spreuk: Eendracht maakt macht, bij alle vaderlandse instellingen, de Nederlandse leus blijft. Die verwachting werd ten volle verwezenlijkt, toen de president hierop de leden van de vergadering uitnodigde, hun bedenkingen, zo die mochten bestaan, in het midden te brengen, waarop door niemand het woord gevraagd zijnde, tot de hoofdelijke stemming werd overgegaan, waarvan het resultaat was, dat het voorstel van de directie door de tegenwoordig zijnde 184 stemgerechtigde deelhebbers, met algemene stemmen werd aangenomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het gekoperd tweedeks barkschip MARGARETHA CATHARINA, kapt. Jan Hugo Schippers.
Adres bij Canne en Balwé en Floris der Kinderen. Sluit 20 maart.
Batavia. Het gekoperd tweedeks barkschip POLLUX, kapt. P. Huidekoper.
Adres bij Jan Corver en Co. en Arnoud en Co.
Batavia. Het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks barkschip THEODORA EN SARA, kapt. J. Schut.
Adres bij B. D. Bosscher.
Batavia (via Rio de Janeiro). Het gekoperd tweedeks fregat HENRIËTTE EN HENRI, kapt. Klaas Spiegelberg.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Co., Hoyman e Schuurman en de Vries en Co.
Padang. Het gekoperd tweedeks fregatschip DE VEREENIGING, kapt. Albert Anton Herman. Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Co., Hoyman e Schuurman en de Vries en Co.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DINA MARIA, kapt. Albert Ahlers Jr..
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip DE HARMONIE, kapt. Dirk Spreeuw.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregat CATHARINA ANNA HELENA, kapt. Paul Hansen Bos.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip DE JONGE LODEWIJK ANTHONY, kapt. Renk Tjebbes.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperd tweedeks brikschip PARAMARIBO, kapt. H.L. Kayzer.
Adres bij B.D. Bosscher. Sluit 22 maart.
Suriname. Het Nederlands gekoperd tweedeks barkschip SURINAME, kapt. Reinder van der Meij.
Adres bij Jan Corver en Co. Sluit 25 maart.
Suriname. Het gekoperd tweedeks barkschip MARIA FREDERIKA, kapt. Foeke Hiddes Zeylstra.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gezinkt Nederlands kofschip ZAANDAM, kapt. Lambert. H. Singer.
Adres bij B. D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd schoener kofschip ANTONIA, kapt. Evert Speelman.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het Nederlands kofschip CATHARINA, kapt. Egbert Rentes Huisman.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Havana. Het gekoperd tweedeks brikschip AURORA, kapt. Leendert Blok.
Adres bij J. Langeveldt
Havana. Hert gekoperd brikschip ALIDA, kapt. Jan Tjeerds Visser.
Adres bij B.J. van Hengel.
New York. Het gekoperd tweedeks fregatschip DIANA, kapt. R. Reinierse.
Adres bij de Vries en Co. en J.C. van Oven.
New York. Het gekoperd fregatschip MINERVA, kapt. G..H. Ahlers.
Adres bij Hoyman en Schuurman en J. C. van Oven.
New York. Het gekoperd tweedeks fregatschip WALCHEREN, kapt. Jacob Jansz Bart.
Adres bij de Vries en Co.
New York. Het gekoperd tweedeks fregatschip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Sikke Ysbrands Parma.
Adres bij Olivier en Co., en de Vries en Co.
New York. Het gekoperd tweedeks fregatschip JAPAN, kapt. P.H. Willers.
Adres bij Olivier en Co. en Jan Corver en Co.
New York. Het tweedeks gekoperd barkschip CLASINA, kapt. A.P. Havinga.
Adres bij B. D. Bosscher en J.C. van Oven.
Rio de Janeiro. Het gekoperd Nederlands fregatschip HENRIËTTE EN HENRI, kapt. Klaas Spiegelberg.
Adres bij de Vries en Co. Jan Daniels en Zn. en Arbman, Coopman en de Witt Lenaertz en Hoyman en Schuurman.
Bayonne. Het Nederlands kofschip HOOP EN VERWACHTING, kapt. J. Haasnoot.
Adres bij Van Ulphen en Ruys.
Bayonne. Het Nederlands kofschip DE JONGE IDA’S, kapt. R.R. Keizer.
Adres bij Jan Corver en Co.
Bordeaux. Het Nederlands kofschip GERBERDINA, kapt. H.A. Oldenburger.
Adres bij Jan Corver en Co.
Genua en Livorno. Het Nederlands kofchip JAN FREDERIK, kapt. H.H. Wey.
Adres bij Van den Bey en Co. en Nobel en Holzapffel.
Lissabon. Het Nederlands gekoperd sloepschip DE HOOP, kapt. Klaas Haasnoot.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlands kofschip CATRINA, kapt. Melle Melles Pott Jr.
Adres bij Van Ulphen en Ruys.
Port à Port. Het Nederlands kofschip PIETERNELLA,kapt. J.A. Schuring.
Adres bij C. Verwyde Czn.
Triëst. Het Nederlands kofschip JANTINA MARGRIETHA, kapt. Berend H. Smit.
Adres bij De Vries en Comp. en H.A. Hespe.
Triëst. Het Nederlands kofschip ELISABETH, kapt. S.J. Brouwer.
Adres bij Frederik Smit.
Bergen. Het schoenerschip AMSTERDAM PIQUET, kapt. Jean Etienne Abel, van Bergen. Adres bij Canne en Balwé.
Bremen. Het Nederlandse schip DE JONGE ALBERT, kapt. P.A. Ellens.
Adres bij Blikman en Co. Vertrekt vóór of op 18 maart.
Bremen. Het Nederlandse kofschip HELENA JACOBA, kapt. B.J. Davids.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer.
Carlshamn. Het smakschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. D.J. de Groot.
Adres bij Hendrik Gullen.
Danzig. De Nederlandse kof IKINA WILMINA, kapt. S. J. Vegter.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Danzig. Het Nederlands kofschip DE JONGE WILLEM, kapt. W. J. Mellema.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H. A. Hespe.
Drontheim. Het Nederlands kofschip DE BROEDERS, kapt. Jacob H. Fyn.
Adres bij Canne en Balwé.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse smakschip DE HERSTELLING, kapt. B.H. Schuur. Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip DE VEREENIGDE TROUW, kapt. G.W. Smit. Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip DE JONGE WICHER, kapt. Dirk D. Kuitze. Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip DE VROUW HELENA, kapt. G. Esbra.
Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip DE VROUW IDA, kapt. J.D. de Vries.
Adres bij Blikman en Comp.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip JACOBINA, kapt. Rente Jans Klunder.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip CATHARINA, kapt. H.G. Lever.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Kopenhagen. Het Nederlandse kofschip DE ONDERNEMING, kapt. Berend Hendrik Stubbe. Adres bij B.J. van Hengel.
Kopenhagen. Het Nederlandse kofschip DE JONGE HENDRIK, kapt. Wopke Teunis Hitman. Adres bij da Costa en Bueno.
Lübeck. Het tjalkschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip JOHANNA OTTILIE, kapt. A.H. van Wyk.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz de Vries en Comp., F. Smit en F. der Kinderen.
Petersburg. De Nederlandse kof ANTONIA FRANCINE, kapt. R.H. Lutje.
Adres bij Kranenborg en Zoon, en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Petersburg. Het Nederlands kofschip ROELFINA, kapt. H.A. Doewes.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip DE VLIJT, kapt. Jan Simons Bakker.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Riga. De Nederlandse kof JEREMIAS, kapt. Sake Luitjes Stellingwerf.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en J.W. Boekhout. Vertrekt vóór of op 20 maart.
Riga. Het Nederlandse kofschip ANNA, kapt. Harm J. Korter. Adres bij Jan Corver en Comp.
Riga. Het Nederlandse kofschip VREDE EN VRIJHEID, kapt. FolkertA. Lammerts.
Adres bij Coopman en De Wit en Lenaertz, en F. der Kinderen.
Stettin. Het Nederlandse schip DE VROUW MAIKE, kapt. Eilte Jobs Visser.
Adres bij Blikman en Comp. Vertrekt vóór of op 18 maart.
Stockholm. Het schoenerschip ST. OLOF, kapt. E.M. Kruse.
Adres bij H. Gullen.
Stockholm. Het schoenerschip ALBERTINA, kapt. N. Backman.
Adres bij H. Gullen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: smak) ALBERDINA, kapt. K.R. Klaassens, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, is volgens brief van Tonningen (opm: Tönning) van 8 maart, bij storm op de klippen van Helgoland gestrand, doch door de Helgolander loodsen, tegen betaling van 1.800 gulden weder af en onder aanhoudend pompen te Tonningen binnengebracht. Men veronderstelt, dat de lading (opm: tarwe en erwten) niets, doch het schip in de bodem zeer veel geleden zal hebben. (opm: zie AH 140337, RC 300537 en 220837)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Strandvonder ad interim van Ameland, zal, op woensdag ? Maart aanstaande, des voormiddags ten negen ure, bij het Pakhuis te Nes op Ameland, in het openbaar aan de meestbiedenden, om contant geld, presenteren te verkopen 888 Noordse balken van verschillende lengte, 208 delen, 17 sparren en een gekapt. ankertouw, geborgen van de lading van het gestrande schip LOUISA, kapt. Lars Knudsen.
Ameland, 16 Maart 1837, de Strandvonder ad interim voornoemd, Van Heeckeren


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee scheepstimmerknechten, het werk geheel of ten dele verstaande, kunnen terstond vast werk bekomen bij T.A. Visser, te Workum. Brieven franco.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een à twee scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen dadelijk werk bekomen bij Willem L. van der Schaaf, scheepstimmerbaas te Franeker.


18 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Den 16 dezer zeilden van Helvoetsluis KONINGIN DER NEDERLANDEN, P. Sipkes, en PHENOMÈNE, P.F. Hoedt, naar Batavia; de JONGE WICHER, H.W. Bontekoe, naar Newcastle; DOLPHIJN (opm: kof), B.J. Bakker, naar City-Point (opm: onduidelijk welke haven in de USA: Boston-City Point (Mass); City Point (Florida) of City Point (Maine); JOHANNA, H.T. de Jong (opm: kof, kapt. Harm Tijsen de Jong), naar Liverpool; JANTINA ENGELINA, H.T. de Jonge (opm: kof, kapt. Harm Tjebbes de Jonge), naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Van Brielle zeilde den 16 dezer JUFVROUW TRESIA (opm: JUFFER FRESINA), kapt. J.H. Potjer, naar Leith; de wind Oost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Den 16 dezer zeilde van Maassluis ROELINA JETTINA, D.H. Puister, naar Nantes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 maart. Het Deens galjoot JOHANNES, kapt. J.G. Frudden, met fruit van Smyrna (opm: Izmir) naar Amsterdam, op de Motherbank quarantaine liggende (opm: zie RC 090337) is, volgens brief van Cowes van den 10 dezer, die dag daarvan ontslagen en in de haven gehaald, om het gebroken roer en andere schade te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Kapitein Joze da Silva Crus, gevoerd hebbende het Portugese schip ANDORINHA, van Lissabon naar Hamburg gedestineerd, den 24 februari laatstleden op Vlieland gestrand, is van mening, op bekomen autorisatie, geadsisteerd en ten overstaan van de heer C. Zunderdorp, waarnemend agent voor het Consulaat-Generaal van Portugal te Amsterdam over de eilanden Texel, Vlieland en Terschelling, en ten overstaan van de heer Opperstrandvonder, door een bevoegd beambte, om contant geld, publiek te doen verkopen, op woensdag den 22 maart aanstaande, des morgens ten 11 ure, in het Logement het Schippershuis, te Vlieland:
Ruim 15.000 Nederlandse ponden losse koffij, 75 balen koffij, 120 ceroenen (opm: seroen: verpakking van gevlochten boombast of van huiden gemaakt) amandelen, waarvan een grote partij gestort is liggende, 3 zakken gom elastik en 3 vaatjes drogerijen, alles door zeewater nat en beschadigd, benevens 2 kettingkabels, 4 ankers, 8 stuks zeilen, een partij gekapt.staand en lopend want, enden zwaar touw en hetgeen verder gepresenteerd zal worden; alle deze goederen zijn beschadigd geborgen uit bovengenoemd schoenerschip, en zullen, behoorlijk gekaveld, twee dagen vóór en op de verkoopdag voor een ieder te zien zijn, terwijl inmiddels nadere informatiën zijn te bekomen ten Kantore van Zunderdorp en Ran, te Texel, mits brieven franco.
(opm: de LC voegt aan soortgelijke advertentie d.d. 14 maart 1837 nog onderstaand toe:
Ten gerieve der gegadigden zal schipper J.H. de Boer, des daags voor de verkoping (den 21 maart) van Harlingen naar Vlieland vertrekken, na wiens aankomst in geval van slecht weder, de verkoping eerst een aanvang zal nemen.)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Roland Holst, A. van der Sluys, G.W. Sesink Clee, C.A. Schröder en J.J. Korthals, makelaars, zullen op maandag 20 maart 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, ten overstaan van notaris B. Tideman, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen:
- Een extra-ordinair, welbezeild Fregatschip, genaamd NEDERLAND, varende onder Nederlandse vlag, gevoerd door kapt. J.P. Carst, volgens Nederlandse meetbrief lang 29 el 55 duim, wijd 5 el 72 duim, hol 4 el 65 duim.
- 1/4e Part in het Nederlands Kofschip genaamd JOHANNA MARGARETHA, groot circa 75 rogge-lasten, gevoerd door kapt. J.H. de Boer.
- 1/4e Part in het Nederlands Kofschip genaamd ANTHONIA FRANCINA, groot circa 55 rogge-lasten, gevoerd door kapt. R.H. Lutje.
- 1/8e Part in het Nederlands Kofschip genaamd HET JONGE REINTJE, groot circa 55 rogge-lasten, gevoerd door kapt. R.W. Mellema.
- 1/8e Part in het Nederlands Kofschip ANNA MARIA, groot circa 75 rogge-lasten, gevoerd door kapt. K. Hoek.
Breder bij inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaars.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 14 maart. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip ADMIRAAL DE RUITER, kapt. E. van Duijn, de 11e november vertrokken van Amsterdam.


21 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Den 18 dezer zeilden van Helvoetsluis Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO, kapitein-luitenant Le Jeune; de JONGE WICHER, H.W. Bontekoe, naar Newcastle; CONCORDIA, H.O. van Wijk, naar Hull, en VOORWAARTS, G. Don, naar New-York.
Den 19 dezer zeilde PAULINA, S.T. de Boer, naar Triëst.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Den 18 dezer zeilde uit de Maas ALETTA, O.H. Slagter, naar Liverpool.
Den 20 zeilde PRINSES VAN ORANJE, H.C. Kool, naar Duinkerken, doch is door de hoge zee op de rede teruggekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Den 18 dezer zeilden van Maassluis JANTINA, H.C. de Groot, naar Nantes, en den 19 WIETZINA, D.D. Greven, naar Firth of Forth.
Den 19 dezer arriveerde ALGEMEEN BELANG, J. Warnaar, van de Noordzee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Aangaande het (opm: Deense) schip JOHANNA J.C. Frudden, van Smyrna (opm: Izmir) naar Amsterdam, te Cowes binnen (opm: zie eerdere berichten), wordt van daar van den 13 dezer gemeld, dat het nagezien is en niet zou behoeven te lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Het schip de HARMONIE, kapt. G.E. Boer, van Suriname naar Amsterdam, te Cowes binnen (opm: zie RC 020337), is, volgens brief van daar van den 13 dezer, geheel gebreeuwd en van elf nieuwe zeilen voorzien geworden, zo dat het binnen weinige dagen gereed zou worden om de reis voort te zetten. (opm: zie RC 300337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Het schip (opm: bark) CATHARINA JOHANNA, kapt. J.E. Schneebeke, van Amsterdam naar Lissabon, Rio-Janeiro en Batavia, te Lissabon aangekomen, heeft, volgens brief van daar van den 1 dezer, den 26 februari de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Den 21 februari is, op 35º N.B. en 42º W.L. gezien een Hollandse kof, koers stellende om de Oost en tonende vlag van het Collegie Zeemanshoop met no. 198, zijnde die van kapt. P.C. Zorgdrager, voerende het schip de GEBROEDERS, van Rio-Janeiro naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 17 maart:
Te St. Helena gearriveerd PRINS DER NEDERLANDEN (opm: brik, kapt. J.H. Hilbrand), van Batavia en gedestineerd naar Amsterdam, en Matthysen (opm: kapt. F. Matthijssen, fregat ANTHONY) van Batavia; te Batavia Mulder.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Heden verloste zeer voorspoedig van een welgeschapen Zoon (opm: Willem) R.J. Los, geliefde Echtgenoot van Wm. Ruys J.D.Zn
Rotterdam, den 17 maart 1837
Enige kennisgeving


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen BUITENWERF, kapt. A. Rozema, van Memel (opm: Klaipeda) en de JONGE TJALLING (opm: smak), kapt. H.H. Mellema, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), beide naar Amsterdam, HILLEGINA (opm: kof), kapt. W.J. Panman, van Rostock naar Rouen en MARGARETHA HENDRIKA, kapt. G.J. Munneke, van Stettin (opm: Szczecin) naar Lyon (opm: mogelijk Lynn, King’s Lynn), alle te Tonningen aangekomen, waren volgens brief van Rendsburg van 10 maart, op 8 maart wegens tegenwind nog te Tonningen in de haven en op stroom liggende.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Liverpool waren op 12 maart bezig met derzelver ladingen in te nemen de schepen AGATHA, kapt. D.G. Schans, voor Rotterdam, de THERESIA, kapt. G.T. Ebeling, voor Antwerpen.


22 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ op maandag 20 maart 1837:
- Een wel bezeild gekoperd twee-deks barkschip CHRISTINA BERNARDINA, kapt. Christiaan Jäger. NLG 12.000. In slag NLG 1.500. A. van der Sluys (opm: makelaar namens B.W. van Straten, nieuwe naam HENRY EN WILLEM, kapt. Bröder P. Martens; de verkoper had op 14 november 1836 nog een bod van NLG 17.700 + NLG 800 afgewezen, zie AH 161136; er heerste paniek door de slechte vrachten als gevolg van het grote aanbod van tonnage en de geringe export vanuit Nederlandsch Oost-Indië)
- Een wel bezeild gekoperd drie-mast galjoot, DE HERSTELLER, kapt. Cornelis van der Wind. NLG 14.200. In slag NLG 1.800. Opgehouden.
(opm: de galjoot werd alsnog verkocht aan De Groot, Roelandts & Co, Scbiedam; nieuwe naam CATHARINA JACOBA, kapitein J.J. Brouwer)
- Een wel bezeild fregatschip NEDERLAND, kapt. J.P. Carst. NLG 9.050. In slag NLG 60. J.J. Korthals. (opm: het schip, ook wel pink genoemd, werd de DIRKJE ADAMA, kapt. H.B. Rickmers, en ging in 1838 weer in de vaart)
- Een vierde part in het Nederlandse kofschip JOHANNA MARGARETHA, kapt. J.H. de Boer (op reis naar Petersburg). NLG 1.550. In slag NLG 50. Opgehouden.
- Een vierde part in het Nederlandse kofschip ANTONIA FRANCINA, kapt. R.H. Lutje, ligt alhier. NLG 950. In slag NLG 50. Opgehouden.
- Een achtste part in het Nederlandse kofschip HET JONGE REINTJE, kapt. R.W. Mellema, op reis naar Hamburg. NLG 525. In slag NLG 80. G.J.R. Holst.
- Een achtste part in het Nederlandse kofschip ANNA MARIA, kapt. K. Hoek, ligt alhier. NLG 825. In slag 200. C.A. Schröder.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 21 maart. Ten vervolge van ons bericht, vervat bij de Javasche Courant van de 1e dezer, zien wij ons thans tot de mededeling in staat gesteld, dat het op de hoogte van Pakkies gestrand brikschip FATHOEL MOENGIEN door de onvermoeide zorg van de plaatselijke autoriteit op de 4e dezer, zonder verdere schade te hebben bekomen, vlot geraakt en op de 7e daaraanvolgende naar Sumanap, alwaar het vaartuig te huis behoort, gestevend is.


23 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. De Nederlandsche Handel-Maatschappij is van plan een lening aan te gaan van dertien millioenen guldens, ingevolge besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van den 16 maart 1837, en goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van den 18 maart 1837. (opm: bewerkt en sterk bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Gedurende de maand februari jongstleden zijn door het Kanaal van Voorne 147 zeeschepen gepasseerd, waarvan 89 te Helvoetsluis ingekomen en 58 uitgezeild zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Den 20 dezer arriveerde te Helvoetsluis CATHARINA ELSINA, H.A. Schuuring, van Newcastle.
Den 21 zeilden PAULINA, S.T. de Boer, naar Triëst; GEZIENA, J.G. Postema, naar Liverpool; BROEDERTROUW, J.H. Hazewinkel, naar Batavia. De wind N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. De ever METTA MARGARETHA, kapt. J. Backhus, van Hamburg naar Amsterdam, is volgens brief van Hamburg van den 17 dezer op de Elve (opm: Elbe) gestrand en zou moeten lossen om afgebragt en gerepareerd te kunnen worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Het schip (opm: fregat) NEÊRLANDS KONING (waarschijnlijk kapt. M. Schaap), van Rotterdam naar Batavia, is den 5 dezer te Kadix (opm: Cadiz) masteloos binnengelopen. (opm: zie RC 250437)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Het schip (opm: fregat) BATAVIA, kapt. M. Bruhn, van Batavia naar Rotterdam, is op de hoogte van de Kaap-Verdische Eilanden gepraaid door het te Nantes aangekomen schip LUCULLUS.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Kapt. J. Hilbrands (opm: brik PRINS DER NEDERLANDEN), van Batavia naar Amsterdam, te St. Helena aangekomen, heeft dadelijk de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 maart. Van Vlissingen is uitgevaren Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant ter zee Van Frank.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 22 maart. Men meldt ons uit de provincie Zeeland, d.d. 20 maart:
Zr.Ms. nieuw gebouwde stoomboot CERBERUS, kapt.luit. Van Franck, vertrok gisteren in de namiddag van Vlissingen, waar dezelve tot heden in het maritieme dok had gelegen, ten einde een proefreis te doen; de kapitein ter zee Van den Bosch, adjudant van Z.K.H. de admiraal Prins Frederik, bevond zich aan boord, men verneemt dat deze stoomboot zich naar het kanaal en in zee zal begeven, ten einde bij harde wind en slecht weer de eigenschappen van dit stoomvaartuig te beproeven.
Zr.Ms. korvet DOLPHIJN, liggende in het dok te Vlissingen, zal morgen de 21e dezer, door de tussen Vlissingen en Breskens varende stoomboot DE SCHELDE, tot voor de Middelburgse haven worden gesleept, alwaar de korvet door Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO, kapt.luit. Le Jeune, zal worden overgenomen en naar Helvoet worden gebracht.


24 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Openbare verkoping te Zandvoort. Kapitein Nicolay Lundt, gevoerd hebbende het Noorse barkschip GREVE HERMAN WEDEL JARLSBERG, komende van Drammen, bestemd naar Amsterdam, op de 6e maart ll. nabij Zandvoort gestrand, geassisteerd door de heer C. van der Werff, als daartoe geautoriseerd, presenteert op woensdag de 29e maart 1837, des voormiddags te tien uur te Zandvoort, publiek, ten overstaan van de notaris C. Gerlings, (om contant geld) te doen verkopen de lading van genoemd schip, bestaande in 792 grenen en vuren balken van onderscheidene lengte en dikte; benevens enige delen, kolders en latten, gelegen in het dorp Zandvoort.
Alles twee dagen voor de verkoopdag te zien. Kunnende nadere informatie bekomen worden bij bovengenoemde heer C. van der Werff te Zandvoort en J.W. Boekhout, cargadoor te Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Groningen, 20 maart. Op aanstaande woensdag (opm: 22 maart) des voormiddags, zal zonder wettige verhindering van de Noorderwerf van stapel lopen het eerste schip, dat voor de vaart op Oost-Indië bestemd is, hetwelk, zo ver bekend is, in deze provincie is gebouwd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een nieuw Schip, geschikt tot graanvaren, lang 13 el 7 palm, wijd 3 el 3 palm 1 duim, hol 1 el 3 palm 8 duim, bij P.W. Boorsma, scheepstimmerbaas te Oostermeer.


25 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ph.W. Halberstadt, J.J. Verhoeff en G. Duuring jr, makelaars te Rotterdam, zullen, als last hebbende van hun meesters en als daartoe geautoriseerd door de Wel Edelen Gestrengen Heer President van de Regtbank van Koophandel en ten overstaan van den Heer Griffier bij voornoemde Regtbank, na gedane aangifte conform de wet, op woensdag den 29 maart 1837, des voormiddags ten elf ure, in het Notarishuis, aan de Gelderschekade, verkopen: 75 balen Caracques cacao (opm: waarschijnlijk cacao afkomstig uit Bahía de Caráquez, Ecuador; pos: 00º36’ Z.B. 80º26’ W.L.), allen beschadigd aangebragt van New-York, per het schip HOOP (opm: brik DE HOOP), kapt. C. Bloem, en dat bij kavelingen zo als die zijn liggende op een zolder in ’s Rijks Entrepôt, onder de Boompjes, A.97, alwaar dezelve daags vóór en op de verkoopdag voor een ieder te zien zullen zijn. Nadere onderrigting bij bovengemelde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G. Duuring, G. Duuring jr, A.C. Dalen, D. van den Abeelen, J. Kolff, J.F. Sauerbier en J. Sinderam, makelaars te Rotterdam, als last hebbende van hun meesters, zullen, ten overstaan van de Heer Griffier bij de Regtbank van Koophandel, na gedane aangifte conform de wet, op vrijdag den 7 april 1837, des voormiddags ten elf ure, in het Huis der Notarissen, aan de Gelderschekade, publiek verkopen: 112/1, 80/4 en 12/8 vaten Cuba koffij, alhier aangebragt van New-York, per het schip (opm: hoeker) MARIA EN ADRIANA, kapt. P. Jansen, en dat bij kavelingen zo als die zijn liggende op een zolder in ’s Rijks Entrepôt, onder de Boompjes, alwaar dezelve daags vóór en op de verkoopdag voor een ieder te zien zullen zijn. Nadere onderrigting bij bovengemelde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Aan de Heren Kooplieden en Commissionnairs wordt bij deze bekend gemaakt dat, van heden af aan, de schepen, varende in de Beurt der Scheepvaart-Vereeniging (Schiffahrt-Verein) van Keulen, met stoomboten van Rotterdam tot Lobith zullen worden gesleept.
Adres bij N. Spruyt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Dinsdag (opm: 21 maart) is te Amsterdam met het beste gevolg van stapel gelopen het koopvaardij-fregatschip DOROTHEA, gebouwd op de werf de Witte Olyfant, door de scheepsbouwmeesters J. Meyes en Zoonen (opm: Meijjes), voor rekening van de heren J. en Th. Van Marselis, zullende gevoerd worden door kapt. E.D. Dekker.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Donderdag (opm: 23 maart) liep aldaar van de werf de Zwarte Rave van stapel, mede met het beste gevolg, het fregatschip BETSY EN SARA, groot circa 450 lasten, gebouwd door de scheepsbouwmeester J. Knol, voor rekening van de heren Trakranen en Comp, zullende gevoerd worden door kapt. F.P. Reinhold en zijnde bestemd voor de vaart op de Oostindië.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. In Texel is binnnengekomen Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant Van Frank, van Vlissingen. (opm: vervolgens weer uitgezeild, naar Vlissingen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. De Texelse loodsschipper Jan Kuiper, voerende de loodsboot no. 3, in het Nieuwe Diep uit zee teruggekomen, rapporteert den 2 dezer, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea), met een gunstige wind, in goede staat zeilende gezien te hebben een Nederlands schip, tonende de vlag van het collegie Zeemanshoop, met no. 201, zijnde die van kapt. S. van Duyn, voerende de brik MARIA JACOBA, van Amsterdam naar Laguayra en Curaçao, en den 12 dito, op dezelfde hoogte, in goede staat te hebben gepraaid de schepen BATAVIA (opm: fregat), kapt. H. Bruhn, van Batavia naar Rotterdam, en WILHELMINA, kapt. J.N. Klint, van Suriname naar Amsterdam, zijnde het laatste voorzien van een Texelse loods en aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Het schip (opm: fregat) de KONINGIN DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sipkes, van Dordrecht naar Batavia, is, in de ochtend van den 17 dezer, met N.O. wind, buiten Goodwin Sand om, Deal voorbij gezeild; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. De hoeker de TWEE GEBROEDERS, kapt. L. den Breems, met tarwe, koffij enz. van Rotterdam naar New-York, den 7 oktober van Helvoetsluis naar zee gezeild, is, na 160 dagen achtereen volgend in zee en reeds op 41 gr. noorderbreedte en 77 gr. 44 minuten westerlengte (opm: met name de lengte is onmogelijk; deze positie ligt in de staat Pennsylvania [USA]) geweest te zijn, den 16 dezer, met verlies van een boot, zeilen en andere schade, te Falmouth binnengelopen; de lading, van welke ook een gedeelte opgepompt was, vreesde men zeer dat beschadigd zou zijn. (opm: zie volgend bericht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Aangaande het schip de TWEE GEBROEDERS, kapt. L. den Breems, van Rotterdam naar New-York, te Falmouth binnen (bevorens gemeld), wordt van daar nader bericht, dat het door een commissie nagezien was, en, wegens bekomen lekkagie, onklare pompen en overgeworpen lading, zou moeten lossen, om te repareren. (opm: zie RC 300337, 060437)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. De 19e is ter rede van Vere gearriveerd Zr.Ms. stoomschip CURAÇAO, commandant Le Jeune komende van Helvoetsluis, ten einde Zr.Ms. corvet DE DOLPHYN naar gezegde haven op te slepen; tot dat einde word gemelde corvet ter rede van Vere verwacht, als zullende van Vlissingen door het Sloe derwaarts worden gebragt door de stoomboot DE SCHELDE.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Kapitein R. Dekker, van Batavia te Amsterdam gearriveerd, rapporteert, den 26 februari, op 43º36’ N.B. en 25º03 W.L. in goede staat gepraaid te hebben de schoener-hoeker MARIA ADRIANA, kapt. P. Jansen, van Rotterdam naar New-York; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Het te Amsterdam thuis behorend schip PRINSES, kapt. J. Hillebrands (opm: brik PRINS DER NEDERLANDEN, kapt. J. Hilbrands), van Batavia naar Amsterdam, en het schip PAULINE kapt. P. Petersen, van Marseille naar Lübeck en Rostock, zijn den 16 dezer op de Gronden (opm: het ondiepe gedeelte van de Atlantische Oceaan voor de ingang van Het Kanaal; ruwweg het gebied binnen de 100 vademlijn) gepraaid door de in Falmouth teruggekomen Engelse post-stoomboot REMONA.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Te Suriname zijn gearriveerd (opm: o.a.) Zr.Ms. Transportschip PRINS WILLEM FREDRIK HENDRIK, kapitein-luitenant C. van der Hart, van Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 maart. Den 20 dezer is uit ’s Rijks dok te Vlissingen gehaald Zr.Ms. corvet DOLPHYN, om door de stoomboot DE SCHELDE tot door het Sloe te worden gesleept, en vervolgens door Zr.Ms. stoonschip CURAÇAO naar Helvoet gebragt te worden; den 22ste, in de voormiddag, zou de corvet van de rede van Vlissingen vertrekken.


28 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Het schip (opm: fregat) de DORTENAAR, kapt. J.F.P. Abbema, van Dordrecht naar Batavia, bij Dordrecht gestrand, is volgens brief van daar van den 25 dezer, die avond weder afgebracht en zou worden nagezien.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.N. de Groot, C.A. de Witt, J.A. Haring, J.H. Hackman Asschenbergh en H.J. Bloemen, makelaars, zullen op morgen, den 29 maart 1837, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in de Brakke Grond, in de Nes, verkopen: een partij van 50 pakken Georgia katoen, zo gezond als beschadigd, en 86 kisten wit en 59 kisten blond Havana suiker en 5 kisten ledig, zo gezond als beschadigd, nu eerst uit zee gekomen en gelost, liggende als nader bij notitie zal worden aangewezen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G. Duuring, G. Duuring Jr, A.C. Dalen, D. van den Abeelen, J. Kolff, J.F. Sauerbier en J. Sinderam, makelaars te Rotterdam, zullen als last hebbende van hunne Meesters, zullen ten overstaan van de Heer Griffier bij de Regtbank van Koophandel, na gedane aangifte conform de wet, op vrijdag den 7 april 1837, des voormiddags ten 11 ure, in het Notarishuis, aan de Gelderschekade, verkopen: 112/1, 80/4, en 12/8 vaten Cuba koffij, alhier aangebragt van New-York, per het schip MARIA EN ADRIANA, kapt. P. Janzen, en dat bij kavelingen zo als die zijn liggende in ’s Rijks Entrepôt, onder de Boompjes, alwaar dezelve daags vóór en op de verkoopdag voor een ieder te zien zullen zijn. Nadere onderrigting bij bovengemelde makelaars.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rendsburg, 23 maart. Volgens rapport van kapt. Stuit, voerende het schip DE EENDRAGT, van hier naar de Oostzee vertrokken, heeft hetzelve, na reeds tot bij Bornholm geweest te zijn, door een de 19e maart plaats hebbende vorst, waardoor de zeilen, touwwerk en roer zodanig met ijs bedekt waren, dat het schip niet te regeren was, terug drijvende gelukkig Holtenau bereikt. Voorts meldt kapt. Stuit, verscheidene uit de Oostzee komende schepen in diezelfde ongelukkige toestand te hebben gezien.


  AH - Algemeen Handelsblad

Terschelling, 23 maart. Heden morgen is roerloos en vol water zijnde, door assistentie van loodsschuiten, in de haven van Terschelling binnen gesleept, kapt. B.H. Plukker, DE JONGE HENDRIK, van Arendal naar Harlingen, hebbende dezelve gisteren namiddag op de buitengronden van het Nieuwe Gat zwaar gestoten.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 19 maart 1837 het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, van Leith.
Den 21 dito het kofschip de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, van Noorwegen.
Den 22 dito het kofschip ZEELUST, kapt. R.A. Sluik, van Noorwegen.
Den 23 dito het kofschip WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, van Noorwegen.
Den 25 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Newcastle, het kofschip CORNELIA, kapt. R.A. Oortjes, van Noorwegen, het schoenerschip UNION, kapt. Rt. Winter, van Londen.
Uitgezeild: den 19 maart de schoenerschepen HOPE, kapt. W. Cousins, FAME, kapt. W. Barfield, beide naar Londen en het kofschip GEZINA, kapt. B.A. Visser, naar Schotland.
Den 22 dito het kofschip HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, naar Hull, het pleitschip het VERTROUWEN, kapt. H.D. Klatter, naar Hamburg.
Den 23 dito de kofschepen GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, alle drie naar Noorwegen en het smakschip de HERSTELLING, kapt. H.H. Potjer, naar Dantzig (opm: Gdansk).
Den 24 dito het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, naar Schotland.


  LC - Leeuwarder Courant

Het schip SOPHIA MARIA, op den 28 december l.l. uit het Nieuwe Diep naar Surinamen vertrokken, is aldaar op den 31 januari met alle de passagiers, waaronder zich mede de Wel Eerwaarde Heer C. Conradi, beroepen predikant op het eiland Curaçao, bevond, even voorspoedig als behouden aangekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand wordt ter verkoop aangeboden: de geoctroijeerde Barge, varende (in betrekking tot de Stoombootdienst van Amsterdam op Harlingen) tussen Harlingen en Leeuwarden, met deszelfs gehele inventaris. Genoemde Barge bevindt zich geheel in order om reeds op den 4 April e.k. deszelfs gewone vaart te kunnen hervatten.
Dezulken welke hieraan gading maken, vervoegen zich vóór den 1 april ten Kantore van Douwe Jans Zeilmaker, te Harlingen.


29 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 26 maart. Zr.Ms. nieuw gebouwd stoomschip CERBERUS, kapt.luit. Van Frank, is gisteren van de gedane proefreis alhier teruggekeerd en in het maritieme dok gehaald. Men verneemt, dat de loop van dit stoomvaartuig zeer goed aan de verwachting beantwoordt en dat zijn vaart in snelheid voldoende is bevonden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Dordrecht, 27 maart. Het fregatschip DORTENAAR, kapt. J.F.P.A. Abbema, hetwelk des morgens van de 25e februari door de toen heersende stormvloed alhier op strand was gezet, is gepasseerde zaterdag avond omstreeks half 8 ure (opm: 25 maart) met het beste gevolg af en in vlot water gebracht.


30 maart 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. In de Javasche Courant van den 23 november (opm: 1836) vindt men het volgende:
Men schrijft van Riouw, dat de schoener SENG BIE, gevoerd door de Chinees Kam Kisoei en te Soerabaya te huis behorende, op het ogenblik van de terugreis derwaarts, in de morgen van den 1 oktober jongstleden, ten gevolge van een zware bui uit het N.W. op de klippen ter hoogte van Batoe Itam (zijnde een half uur afstand van Tanjong Pinang (opm: 00º54’ N.B. 104º27’ O.L.) is verongelukt. Het strekt echter tot genoegen hierbij te kunnen voegen, dat dit ongeluk aan niemand het leven heeft gekost, terwijl door de onvermoeide pogingen van de plaatselijke ambtenaren, daarin bijgestaan door de commanderende officier van de koloniale schoener ARGO en de gezaghebber van de civiele schoener ZEEMEEUW, het grootste gedeelte van de lading gered en het vaartuig zelf, na een moeijelijke arbeid van zes dagen en nachten, geligt en op de binnenrede van Riouw gebragt is geworden, om aldaar de nodige vertimmering te ondergaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

De Javasche Courant van de 23e november (1836) meldt:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brikken ORESTES en CIRCE, civiele schoeners ZWALUW, ALCINOE, ANADYOMENE, en POSTILLON, Engelse oorlogsbrik ZEBRA, Nederlandse schepen ADMIRAAL DE RUITER, ANTHONY, KORTENAER, L’ESPERANCE, MAKASSER, OEY SINJO en stoomboot VAN DER CAPELLEN, brikken PEENGHOEY, de HOOP, INDRAMAYOE, SOPHIA, NORFOLK, TARTAR en CLARA HENRIETTE, barken SUSANNA DOROTHEA, SEGAF, RADJA WALIE, NEDERLANDER, REMBANG, ANNA EN LOUISA, GOUDA SUSANNA, TAN GOANSING, FATAL HAIR, TESSIER, JOHANNA WILHELMINA, DOROTHEA HENRIETTA, FATAL KARIM en TALSUM, schoeners AUGUSTE, JOHANNA CHARLOTTA, OMEGA, MARIA FREDERIKA, NIJVERHEID, CORINGA, NASRIE en FATAL HAIR, Kniphauser brik DIANA, Amerikaanse schepen DUXBURY en BRUNETT en Engelse schip BENCOELEN.
Van Batavia zijn gezeild het Amerikaans schip GEORGE CABOT naar Nederland, de Nederlandse schepen SUMATRA en HELENA naar Soerabaya.
Te Samarang is gearriveerd de Nederlandse bark ZEEMANS HOOP van Batavia, en van daar gezeild het Nederlandse schip LAGODA over Batavia naar Rotterdam.
Te Soerabaya is aangekomen het Nederlands schip JACOB CATS van Batavia.
Ter rede van Soerabaya lagen den 16 november Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik SIWA, schoeners KROKODIL, JANUS en CASTOR, Nederlandse schepen SINGAPOERA, GENERAAL CHASSẾ, DE VRIENDEN, de STAD AMSTERDAM, en JULIA, brikken SUSANNA DOROTHEA, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken ONDERNEMING, POLLUX, BERKAT, ZOUTMAN en le CHARLES,
schoeners IRIS, CALYPSO, OEJOONG PANDAN, FATAL en DOLPHYN, boot SERSIA, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE en Engels schip CYNTHIA.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Den 27 dezer arriveerde te Helvoetsluis (opm: onder meer) het schip ANTHONY, J.F. Mathysen, van Batavia, welke rapporteert den 24 november 1836 in Straat Sunda gepraaid te hebben de schepen HENDRIKA, kapt. Admiraal, en STAD SCHIEDAM, kapt. De Boer, naar Batavia; het schip ABEL TASMAN, van Amsterdam en een dito, tonende collegie-vlag met no. 356, aan boord was alles wel.
Volgens rapport van de loodsboot no. 8 heeft het schip KORTENAER, kapt. Glazener, den 26 dezer twee loodsen van gemelde loodsboot overgenomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Het schip (opm: fregat) BATAVIER, kapt. J.F. Scharper, is des nachts voor zijn ankers gaan drijven en tegen de Noordwal geraakt, hebbende het manschappen en ijssloepen tot adsistente. De wind W.Z.W. (opm: zie volgend bericht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Van Helvoetsluis wordt van den 29 dezer gemeld, dat het schip de BATAVIER, kapt. J.F. Scharper, die morgen, door assistentie, van de Noordwal op de rede ten anker gebragt is, en dat de ALEXANDER, kapt. W.E. Mertens, met verlies van drie ankers van de Goereese haven op de rede ten anker is gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. De schepen de HARMONIE, kapt. G.E. Boer, van Suriname, en JOHANNA (opm: Deense galjoot), kapt. J.G. Frudden, van Smyrna (opm: Izmir, zie ook RC 280237 en 090337), beide naar Amsterdam, te Cowes binnen, zijn, volgens brief van daar van den 23 dezer, die ochtend uit de haven naar de rede gehaald, om met de eerst gunstige gelegenheid hunne reizen te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Het schip ELIZABETH MARIA, kapt. J.A. Kuin, van Liverpool naar Harlingen, te Falmouth binnen, heeft den 21 dezer de reis vervolgd, doch is die zelfde dag wegens tegenwind te St. Mawes (opm: 50º09’ N.B. 05º00’ W.L.) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Het schip de TWEE GEBROEDERS, kapt. L. den Breems, van Rotterdam naar New-York, te Falmouth binnen (opm: zie RC 250337 en 060437), was den 20 dezer geheel gelost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Het schip (opm: tjalk) KATARINA, kapt. H.R. Veling, zou den 25 dezer gereed worden om van Newcastle naar het Nieuwe Diep te vertrekken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 maart. Kapt. Jan Foppes Brouwer, voerende het schip MARIA, van Amsterdam te Genua gearriveerd, meldt van daar van den 18 dezer, dat hij, na sedert zijn vertrek uit Texel op den 15 januari, tot den 20 februari gestadig tegenwind te hebben gehad, alstoen in de Golf van Narbonne door een hevige storm uit het N.N.W. overvallen werd, vergezeld van sneeuw, regen, donder en bliksem, waardoor op den 25 dito hijzelf, de stuurman, en de kok ofschoon niet dodelijk, en de beide masten troffen, doch geen andere schade dan enige scheuren in het digt gereefd groot zeil veroorzaakt werd; den 1 dezer op de hoogte van Nizza (opm: Nice) zijnde, werd hij op nieuw door een hevige orkaan uit het Z.O. tot in de Golf van Narbonne teruggestormd, waarbij het schip aan stuurboordszijde tot met de kajuitsdeur onder water lag en vele stortzeeën over kreeg. Nadat zulks tot den 13 dito had aangehouden, als wanneer de kapitein opnieuw door de bliksem getroffen werd bereikte hij den 14 dito weder de hoogte van Nizza, en den 16 dito de hoogte van Genua, alwaar hij, door het weigeren van wenden en het breken van enige zeilen, echter eerst de volgende dag binnen kwam; het schip was overigens in goede staat gebleven, doch men vreesde zeer voor schade aan de lading.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Met den 1 april aanstaande zal de Stoomboot tussen de steden Rotterdam en Dordrecht vice versa van eerstgemelde stad des namiddags vertrekken ten 5 ure.
De Stoomboot FREDERIK PRINS DER NEDERLANDEN zal de Dienst tussen Rotterdam, Dordrecht en de Moerdijk wederom geregeld hervatten op Saturdag den 1 april, des morgens ten 7 ure, van Rotterdam naar Dordrecht, en van daar ten 9 ure naar de Moerdijk; en van de Moerdijk terug des namiddags ten 1 ure naar Dordrecht, en van daar ten half drie ure naar Rotterdam, en zo alle dagen, behalve des Vrijdags zo als in de Biljetten is bepaald.
(opm: in RC 181137 werd aangekondigd dat de dienst ingaande 23 november voor dit jaar werd gesloten, en de wederopening in het aanstaande voorjaar in tijds zou worden bekend gemaakt)
Stoom-jacht PRINSES MARIANNE, van Middelburg naar Rotterdam.
Van Middelburg: Van Rotterdam:
Zondag den 2 april des morgens ten 9 ure Vrijdag den 31 maart, des morgens ten 10 ure
Dingsdag 4 dito, des morgens ten 10½ ure Maandag den 3 april, des morgens ten 3½ ure
Vrijdag den 7 dito, des morgens ten 5 ure Woensdag den 5 dito, des morgens ten 4½ ure
Adres bij P.A. van Es, cargadoor


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op dinsdag 28 maart 1837: een welbezeild en onlangs aanzienlijk vertimmerd kofschip NEPTUNUS, kapt. R.J. Hottinga: NLG 3.400, in slag NLG 650. Koper C.A. Schröder (opm: een makelaar)


31 maart 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Elseneur, 16 februari. In 1836 zijn er 355 Nederlandse schepen door de Sont gevaren, van de Oostzee komende, zijnde 6 meer dan in 1835; men kan die vaart, wat de Nederlandse schepen betreft, als kwijnende beschouwen, ofschoon de schepen in het algemeen zeer begeerd waren, waardoor de algemene scheepvaart dan ook veel levendiger geweest is dan in 1835. De reden van de minder levendige vaart van Nederlandse schepen, in vergelijking tot andere naties, meent men daarin te moeten zoeken, dat de schepen, die vroeger naar de Oostzee stevenden, zich thans naar andere vaarwaters doen bevrachten, als: naar Suriname, Amerika, enz., waarheen het vroeger tot de zeldzaamheden behoorde, dat kleinere schepen, althans koffen, bevracht werden, maar waar deze thans met ra-schepen wedijveren.
Het aantal Nederlandse schepen, hetwelk door de Sont is gevaren, naar de Oostzee gaande, beliep 303; hiervan waren 198 in ballast of met pannen, enz., voor scheepsrekening, 23 waren met Noorse haring beladen; van vreemde rijken kwamen er 25 met stukgoederen, wijn en zout en de overige 57 van Nederlandse havens, deels geheel, deels gedeeltelijk geladen met stukgoederen.
De gezamenlijke met Noorse haring beladen Nederlandse schepen hebben 19.378 tonnen, of 1.490 lasten van 13 ton, naar de Oostzee gevoerd en verdienden tezamen aan vracht NLG 16.759, zijnde NLG 6.985 minder dan in 1835.
De inkomende geladen Nederlandse schepen hebben een scheepsruimte uitgemaakt van 5.329 lasten, zijnde 654 lasten minder dan in 1835, en de verdiende vracht beliep NLG 123.311, zijnde NLG 8.404 minder dan in 1835.
In 1836 heeft slechts één Nederlands schip in deze haven gelost; daarentegen zijn er door voorbij zeilende Nederlandse schepen alhier aangevoerd 300 okshoofden jenever; van welk artikel er in het geheel 606 okshoofden alhier gelost zijn.
Het verslag van de algemene scheepvaart door de Sont doet zien, dat er in 1836 een aantal van 1.672 schepen meer gepasseerd is, dan in 1835; en wanneer men in overweging neemt, dat de oogst in het vorige jaar, zo min in Engeland en Amerika als Noorwegen, toereikende is geweest, dat er in de laatste jaren een vermindering heeft plaats gevonden, van 1.000 tot 1.600 jaarlijks, in het getal schepen door de Sont gevaren, in vergelijking tot vroegere jaren, zo kan het niet bevreemden dat er, buiten 's lands begeerte naar Oostzeese producten is ontstaan, en zulks is dan ook de natuurlijke oorzaak, dat het getal, door de Sont, in het afgelopen jaar doorgevaren schepen, zo aanzienlijk is vermeerderd, in vergelijking met dat van 1835.
In de graanverschepingen, welke er in het voorgaande jaar uit de Oostzee plaats gehad hebben, heeft Rusland weinig deel genomen. Pruissen heeft daarentegen een aanzienlijk debiet gevonden voor deszelfs voortbrengsels; alleen uit Koningsbergen en Dantzig zijn er in het laatste jaar 26.148 lasten granen meer uitgevoerd, dan in het vorige jaar; en niettegenstaande er in 1836 in laatstgenoemde plaats 200 schepen meer aangekomen zijn dan in 1835, heeft er toch gebrek aan scheepsruimte bestaan, om welke reden vele bestellingen, zowel van granen, als hout onuitgevoerd zijn gebleven. Daar de voorraad van die artikelen aldaar zeer aanzienlijk is, alleen van tarwe omstreeks 40.000 lasten, waarvan drie vierde voor vreemde rekening is gezolderd, zo verwacht men in het voorjaar een levendige scheepvaart, waarmee men zich ook te Koningsbergen vleit; terwijl men grond heeft om te verwachten, dat de algemene scheepvaart op de Oostzee zal verlevendigd worden, ten gevolge van het nieuwe Russische toltarief, waardoor een aantal artikelen, die tot dusver of verboden of met hoge rechten bezwaard waren, thans in dat rijk kunnen ingevoerd worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de EENDRAGT, kapt. O.G. Stuit, 8 maart van Rendsburg naar de Oostzee vertrokken, is, volgens brief van daar van 23 maart, na reeds halverwege Bornholm te zijn geweest, wegens de op 19 maart ingevallen hevige vorst, waardoor het tuig, zeil en roer zodanig met ijs bedekt werden dat het schip niet meer bestuurbaar was, te Holtenau in goede staat teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HARMONIE, kapt. G.E. Boer, van Suriname naar Amsterdam, te Cowes binnen, is volgens brief van daar van 22 maart, naar de rede gehaald om met de eerste gunstige gelegenheid te vertrekken.


  LC - Leeuwarder Courant

Groningen, 23 maart. Gisteren hadden Groningens ingezetenen het genoegen, zich in een schouwspel te verlustigen, dat door ieder, die belang stelt in de algemene welvaart, onder de meest geliefkoosde nationale feesten mag gerangschikt worden. Het barkschip genaamd de PROVINCIE GRONINGEN, groot ongeveer 370 ton, bestemd voor de vaart op Oost-Indië, en alhier op de Noorderwerf door de scheepsbouwmeester H.J. Limborgh gebouwd, zullende bevaren worden door J.H. Brandt, is omstreeks de middag van stapel gelopen. Nimmer is hier ter stede een vaartuig van zodanige grootte en destinatie vervaardigd, en daarom was de belangstelling, door de grote menigte aanschouwers bij deze gelegenheid aan de dag gelegd, zeer groot; onder dezelve bevond zich de Hoog Edele Gestrenge Heer Gouverneur dezer Provincie, benevens andere hoge autoriteiten, daartoe in een afzonderlijk locaal door de Heren Reders genodigd. Het ongewone van zulk een groot gevaarte in onze haven te zien, ofschoon dan nog slechts tot op de berghouten gereed, maakte een zeer aangename indruk op de zamengevloeide menigte, en niet minder droeg de sierlijke en hechte constructie van hetzelve de goedkeuring van kenners weg. Vele ingezetenen dezer stad uitten de wens, dat de vermoedelijke gunstige uitslag van deze onderneming deze kundige bouwmeester weldra in de gelegenheid moge stellen, om op nieuw de kiel voor een soortgelijk schip te leggen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. F. Witteveen, Notaris te Metslawier, zal op woensdag den 5 april 1837, des namiddags ten 3 ure, ten huize van A. Feenstra, kastelein te Dockum, provisioneel, bij strijk- en verhooggeld, presenteren te verkopen: een welbezeild Kofscheepje, de HOOP genaamd, gemeten op 16 ton, thans liggende op de Streek bij Dockum, met alle deszelfs toebehoren, wordende door de mede-eigenaar Gjalt P. van Goënga bevaren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris M. de Vries, te Augustinusga, zal op donderdag den 13 april 1837, ten 3 ure na den middag, in de Herberg van Elle Ellens te Kootstertille, ten verzoeke van de Heer H. Feringa, Griffier bij het Vredegeregt van het kanton Buitenpost, als gelastigde van zijn principaal, in het openbaar, bij strijkgeld presenteren te verkopen:
1. Een Huizinge, gequoteerd no. 72 (opm: huisadres), Erf en Scheepstimmerwerf, benevens een Boomgaard, staande en gelegen aan het Kolonels Diep te Kootstertille, ten Kadaster bekend onder sectie C, no. 479 en 489, gemeente Kooten.
2. Een Huis en 60 vierkante el Grond, aldaar onder dezelfde sectie, no. 480.
Eigen aan de scheepstimmerman W.L. Bijleveld.
Te aanvaarden het eerste perceel op den 12 mei 1837 en het tweede op den 12 mei 1838.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een scheepstimmerknecht, zijn werk goed verstaande, kan van nu af aan voor een jaar vast werk bekomen; men vervoege zich in persoon bij H.O. Brouwer te Makkum.


01 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Dingsdag avond (opm: 28 maart) is in de nabijheid van Scheveningen gestrand een schoener, met een lading koper, ijzer en teer, van Stockholm komende. De equipagie, uit zeven man bestaande, is na vele daartoe aangewende pogingen door de reddingboot der Noord- en Zuid-Hollandsche Redding-Maatschappij gered. (opm: zie RC 060437)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. De Javasche Couranten tot den 26 november 1836 behelzen (opm: ondermeer) het volgende:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brikken ORESTES en CIRCE, civiele schoeners ZWALUW, ALCINOE, ANADYOMENE, en POSTILLON, Engelse oorlogsbrik ZEBRA, Nederlandse schepen ADMIRAAL DE RUITER, ANTHONY, KORTENAER, L’ESPERANCE, MAKASSER, YDROESI, MERCURIUS, ABEL TASMAN en JAVAAN, brikken PEENGHOEY, de HOOP, INDRAMAYOE, SOPHIA, NORFOLK, TARTAR en INGSOEN, barken JANE, SUMATRA, SUSANNA, DOROTHEA, RADJA WALIE, NEDERLANDER, REMBANG, ANNA EN LOUISA, GOUDA SUSANNA, TAN GOANSING, TESSIER, JOHANNA WILHELMINA, DOROTHEA HENRIETTA, FATAL KARIM en PERLE, schoeners HAPSOEN, NASRIE, FATAL HAIR, CORINGA, NIJVERHEID, OMEGA, AUGUSTE en JOHANNA CHARLOTTE, Kniphauser brik DIANA, Amerikaanse schepen EUGENIE, DUXBURY en BRUNETT.
Van Batavia is gezeild de Nederlandse brik CLARA HENRIETTE naar Soerabaya.
(opm: kleine verschillen vergeleken met RC 300337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Den 29 dezer arriveerden te Helvoet KORTENAER, A. Glazener, van Batavia, en FENNEGINA, H.J. Puister, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Het Nederlandse brikschip HENDRICA ELIZABETH, kapt. A. Riedijk, van Smirna (opm: Izmir) naar Rotterdam, heeft den 3 maart Gibraltar aangedaan en de volgende dag de reis weder voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Het schip (opm: tjalk) de EENDRAGT, kapt. S.P. de Jonge, van Hamburg naar Groningen, is den 19 dezer te Cuxhaven binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 maart. Te Liverpool waren den 24 bezig met laden voor Rotterdam de schepen de VROUW HENRIETTE, kapt. H.F. Klie, en VRIESLAND, kapt. T.W. Stuit.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Roland Holst, en J. Corver, makelaars, zullen op maandag den 17 april 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, ten overstaan van een daartoe bevoegd Beambte, in de Nieuwe Stads-Herberg, aan het IJ, verkopen: een extra-ordinair, welbezeild en sterk gebouwd Paveljoenschip, genaamd DE VROUW WIJNTJE, gevoerd door schipper A. Nijveldt, varende onder Nederlandse vlag, volgens Nederlandse meetbrief lang 18 ellen 36 duimen, wijd 3 ellen 77 duimen (buiten boord wijd 4 ellen 72 duimen), hol 1 el 91 duimen, en alzo groot 31 lasten, zijnde zeer geschikt zo voor Buiten- als Binnen-beurtvaart; breder bij biljetten en bericht bij bovengemelde makelaars.
N.B. Dit schip inmiddels uit de hand te koop.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Batavia: het Fregatschip STAD ROTTERDAM, kapt. C. Poort, met goede inrigtingen voor passagiers, om den 25 te vertrekken.
New-York: (mede voor passagiers) het gekoperd Brikschip ANJER, kapt. J.C. Jansen.
(Mede voor passagiers) het Schoener-Galjootschip JACOBINA EN BARBARA, kapt. K.Z. Schut.
Havre de Grace: het Kofschip CORNELIUS STAR, kapt. P.T. Kramer.
Bordeaux: het Kofschip MARGARETHA (opm: MARGRETHA), kapt. T.K. Mulder, vertrekt den 17 dezer.
Liverpool: het Hoekerschip de HOOP, kapt. D. Guyt.
Dundee: het Kofschip VROUW MARGARETHA, kapt. B.R. Berg.
Aberdeen: het Kofschip ALIDA IKINA, kapt. W.A. de Jonge.
Hamburg: het Smakschip SUSANNA, kapt. W.J. Mulder.
Idem: het Smakschip VROUW BOUWINA, kapt. H.J. Dekker.
St. Petersburg: het Kofschip ALIDA FROUKINA, kapt. J.H. Mulder.
Idem: het Kofschip ENGBERDINA, kapt. G.J. Bossinga.
Idem: het Hoekerschip DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Berden.
Idem: het Kofschip GOED BESLUIT, kapt. H.W. Drent.
De vier laatsten om met de eerste schepen te vertrekken.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
Koningsbergen (opm: Kaliningrad): het schip ANNA ELISABETH, kapt. S. Harkes, ligt gereed.
Rostock: het schip de VRIENDSCHAP, kapt. J.H. Zant.
Stettin (opm: Szczecin): de VROUW ALIDA, kapt. F.D. Hundt.
Alle drie door het Holsteinsch Kanaal.
Hamburg: het Kofschip JOHANNA, kapt. D.P. Douwes.
Adres ten Kantore van C.H. en J.F. Cornelder Hzn
New-York: het Galjootschip de ZEELUST, kapt. D.J. Mik.
Liverpool: het Kofschip JONKVROUW ELIZABETH, kapt. H.L. Heres.
Belfast: het Kofschip ZORG EN VLIJT, kapt. R.J. Berghuis.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen
Triëst: het Kofschip EYZO DE WENDT, kapt. W.G. Hellinga, vertrekt den 8 dezer.
Koningsbergen (opm: Kaliningrad): het Kofschip ONDERNEMING, kapt. L.J. Gort.
Adres bij Van Ulphen en Ruys, Cargadoors
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomboten WILLEM DE EERSTE en KONINGIN DER NEDERLANDEN,
varende in het Beurtveer tussen Nijmegen en Rotterdam, vice versa,
van Nijmegen naar Rotterdam en ’s-Hage, alle dagen des morgens ten 7 ure, en
van Rotterdam naar Nijmegen alle dagen des morgens ten 6 ure.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amsterdamsche Stoomboot Maatschappij, stoomvaart tussen Amsterdam en Hamburg, in correspondentie met Lübeck en St. Petersburg, vertrek:
Van Amsterdam den 5, 15 en 25sten van iedere maand.
Van Hamburg den 10, 20 en 30sten van iedere maand.
De passagiers behoren de dag vóór het vertrek, vóór middernacht, aan boord te zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Stoomboot ANNA PAULOWNA, voor Passagiers en Vrachtgoederen, in het Beurtveer van Brielle, Nieuwesluis en Rotterdam, zal gedurende de maand april 1837 afvaren als volgt:
Van Brielle naar Rotterdam: Van Rotterdam naar Brielle:
Zondag, des namiddags ten 2 ure Zondag, des morgens ten 6, namiddags ten 5 ure
Maandag, dingsdag, woensdag, donderdag en vrijdag:
des morgens ten 6, namiddags ten 5 ure des morgens ten 9½, des namiddags ten 5 ure
Saturdag des morgens ten 6 ure


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoompakket-vaart tusschen Rotterdam en Londen
In dienst van het General Post Office, Londen, voor Passagiers en Goederen.
Het geëerd Publiek wordt verwittigd, dat de Dienst gedurende het Zomersaizoen door de onderstaande fraaije en snelvarende Stoompakketten, elke Woensdag en Saturdag, geregeld zal volbragt worden, te weten:
GIRAFFE, kapt. R. Stranack LONDON MERCHANT, kapt. …..
COLOMBINE, kapt. W. Norwood ATTWOOD, kapt. R. Major
Zijnde het vertrek van Rotterdam bepaald
Op Saturdag den 1 april, des morgens ten 8 ure
Op Woensdag den 5 april, des morgens ten 10 ure
Nadere inlichting bij de agenten W. Smith en Co en P.A. van Es


  AH - Algemeen Handelsblad

Dinsdag j.l. (opm: 28 maart) is bij de scheepsbouwmeester F. Graauw op de scheepstimmerwerf De Kleine Boot buiten de Raampoort bij de Wetering met het beste gevolg van stapel gelopen het nieuw gebouwd kofschip genaamd MARIA.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Berichten uit Batavia van 26 november l.l. melden het volgende: volgens ontvangen tijdingen van de Gouverneur der Molukse eilanden, hebben de bewoners van het eiland Vordate (opm: Fordate, een klein eiland en evenals Larat onderdeel van de Tanimbar eilandengroep), zich in het vorig jaar (opm: 1835) schuldig gemaakt aan het aflopen (opm: laten stranden) van de Nederlands-Indische particuliere bark ALEXANDER (opm: kapt. T.S. Harris), welke destijds voor gemeld eiland tot het drijven van handel met dezelve, ten anker lag. Slechts drie man der equipage zijn vervolgens gered geworden.
Ongelukken van deze aard zijn veelal het gevolg van de onvoorzichtigheid van gezagvoerders, die te veel vertrouwen schenken aan vreemde volksstammen, met welke zij handelen en daardoor de aan hun zorg toevertrouwde bodem en het leven der equipage op een onverantwoorde manier in de waagschaal stellen. De belanghebbende reders en gezagvoerders worden bij deze op het voorgaande opmerkzaam gemaakt, in het bizonder tegen de bewoners van de eilanden Vordate, Larat, Timor Laut, Babber enz, opdat men met dezelve handeldrijvende, steeds waakzaam zij en de nodige voorzorg neme.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Amsterdam naar Hamburg, is volgens brief van Delfzijl van 29 maart, na overzeild te zijn, op 28 maart zwaar lek en met andere schade aldaar binnengelopen. De lading zou dadelijk gelost worden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande het schip de JONGE HENDRIK, kapt. B.H. Plukker, van Arendal naar Harlingen, te Terschelling binnen, wordt van Harlingen op 26 maart gemeld dat hetzelve op de buitengronden niet alleen het roer verloren maar ook de stevens los en hoogst vermoedelijk de kiel afgestoten heeft, zijnde de grote mast een halve voet gezakt, hetzelve is daarna geheel vol water en op de lading drijvende door loodsen binnengesleept. (opm: zie AH 200437)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Londen was op 25 maart bezig met lading in te nemen het schip (opm: kof) JACOBA HAZEWINKEL, kapt. J.G. Boon.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

In 1836 zijn er 355 Nederlandse schepen door de Sont gevaren, van de Oostzee komende, zijnde 6 meer dan in 1835. men kan die vaart wat de Nederlandse schepen betreft als kwijnende beschouwen, ofschoon de schepen in het algemeen zeer begeerd waren, waardoor de algemene scheepvaart dan ook veel minder levendig is geweest dan in 1835.
De reden van de minder levendige vaart meent men daarin te moeten zoeken, dat de schepen die vroeger naar de Oostzee stevenden zich thans naar andere vaarwaters laten bevrachten, als Suriname, Amerika enz, waarheen het vroeger tot de zeldzaamheden behoorde dat kleinere schepen, althans koffen, bevracht werden, maar deze thans met ra-schepen wedijveren.
Het aantal Nederlandse schepen, hetwelk door de Sont gevaren naar de Oostzee gaande beliep 303, hiervan waren 198 in ballast of met pannen enz. voor scheepsrekening, 23 waren met Noorse haring beladen en van vreemde Rijken kwamen er 25 met stukgoederen, wijn en zout en de overige 57 van de Nederlandse havens, deels geheel, deels gedeeltelijk beladen met stukgoederen.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 30 maart. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip TWEE CORNELISSEN, kapt. S. Veenstra, met een passagier, de 31e oktober vertrokken van Amsterdam.


03 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Zunderdorp en Ran, als lasthebbende van hun principalen en daartoe behoorlijk gecommitteerd, zijn van mening op donderdag de 6e april aanstaande, 's avonds te zeven uur, in het Heeren Logement, aan Den Helder, door een bevoegd beambte, om contant geld, ten overstaan van de heer opperstrandvonder te doen verkopen het de 23e januari ll., op de Noorderhaaks gestrande Hamburger galjootschip de MARIA MAGDALENA, gevoerd geweest door kapt. M.D. Fres, met deszelfs nog inhebbende gedeeltelijke lading ijzer, zoals hetzelve als wrak in de Haaks onder water is zittende.
Ook zal ten zelfde dage aan kavelingen verkocht worden: 4.000 Nederlandse ponden plaat- en roe-ijzer, een zwaar ketting anker, 11/2 kettingkabel, een schootketting, 3 stuks zeilen, enige rondhouten en hetgeen verder gepresenteerd zal worden. Alles geborgen van gemeld schip, zullende de goederen op de verkoopdag voor een ieder te zien zijn.


04 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 1 dezer zeilden van Maassluis: de VROUW ANNA, N. Wilkens, naar Stettin (opm: Szczecin); GOEDE VERWACHTING, T. Wijnstok, en ONDERNEMING, L.J. Gort, naar Hamburg; de VROUW JANTJE, A.G. Jonkhoff, naar Libau (opm: Liepaja); CATHARINA, R.A. van Laaten, en MARGARETHA SUSANNA, W.J. Warnekes, naar Danzig (opm Gdansk); JOHANNES, H. Tobbens, en de JONGE FLORENTZ, J.A. de Vries, naar …., en ZEELUST, A. Patyn, naar de Noordzee. De wind W. en W.N.W.
Den 2 dezer arriveerden te Helvoetsluis FORTUNA, A. van der Weyde, van Villanova; en de HOOP, P.G. Lesstuyver, van Leith.
Den 3 dezer zeilde ALEXANDER, W.E. Mertens, naar Bremen.
Den 3 dezer zeilden uit de Maas GEZINA, R.F. Taay, naar Riga, en ELIZABETH, H.H. Pot, naar de Oost Zee, en arriveerde de BATAVIER, D. Dunlop, van Londen. De wind Z.Z.W.
Den 2 dezer arriveerde te Maassluis NIJVERHEID, H. de Kromme, van de Noord Zee.
Den 3 zeilden HERBERTUS HERMANUS, H.H. Ricke, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), en WILLEMINA, G. Treus, naar de Noord Zee. De wind Z.W.
(opm: uitsluitend [waarschijnlijk] Nederlandse schepen opgenomen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 april. Kapt. J. Hillebrands (opm: J. Hilbrand, voerende brik PRINS DER NEDERLANDEN), van Batavia in Texel binnen, heeft den 4 februari op 0º20’ N.B. 20º30’ W.L. gepraaid de kof VREDE EN HOOP, kapt. F.G. Mellema, van Amsterdam naar Fernambuck (opm: Pernambuco = Recife).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 april. Een driemast kof onder de vlag met no. 31, zijnde die van kapt. M. Carseboom, voerende het schip HENRIETTE, van Embden naar Baltimore, laatst van Delfzijl, is den 9 maart gepraaid op 48º N.B. 14º30’ W.L. van Greenwich; aan boord was alles wel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens brief van Demerary in dato de 3e februari 1837 was aldaar de vorige dag, na een voorspoedige reis van 34 dagen, gearriveerd het brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. P.I. Matzen, van Amsterdam. Aan boord was alles wel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. De verkoping van het paviljoenschip op maandag de 17e april 1837, te Amsterdam aangeslagen, zal geen voortgang hebben, als zijnde uit de hand verkocht.


  LC - Leeuwarder Courant

Den 29 maart is, terwijl het hoog water was, een uur van Scheveningen, gestrand de schoener VIGILANCE, kapt. Gultzau, komende van Gottenburg (opm: Gotenburg) en bestemd naar Rotterdam. Dit vaartuig was beladen met ijzer, teer en koper. Deszelfs equipagie bestond uit zeven man. Tot laat in den avond zijn er door de menslievende en ijverige tussenkomst van de heer P. Varkevisser, lid van de raad van ’s Gravenhage, en plaatselijk bestuurder, voor Scheveningen, van de Noord- en Zuid-Hollandsche Redding-Maatschappij, krachtdadige pogingen tot redding van het scheepsvolk aangewend. Strelend moet het voor denzelven geweest zijn, dat die pogingen met een gelukkige uitslag, bekroond werden. Reeds meermalen heeft hij, even als thans, het grootste gevaar getrotseerd, om tot de redding der in nood verkerende schipbreukelingen krachtdadig mede te werken. Onder de middelen, welke tot die redding werden aangewend, meent men niet te stilzwijgen voorbij te mogen gaan dat van een bediende van het badhuis, die te paard gestegen en in zee gegaan is, ten einde, hoe gevaarlijk het ook beschouwd werd, te beproeven, met lijnen, een gemeenschap tussen het schip en de zich op strand bevindende, ter redding toegeschotene menigte, tot stand te brengen, welk hoogst gevaarlijk middel echter mislukte. Met de reddingboot gelukte het echter de manschap behouden aan wal te brengen.


06 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Aangaande het schip de TWEE GEBROEDERS, kapt. L. den Breems, van Rotterdam naar New-York, te Falmouth binnen (opm: zie RC 250337 en 300337), wordt van daar van den 29 maart gemeld, dat de geloste rogge wegens volkomen bederf weggeworpen was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Het schip (opm: tjalk) de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Reints, van Amsterdam naar Hamburg, is volgens brief van Delfzijl van den 29 maart, na overzeild te zijn den 28 dito zwaar lek en met andere schade aldaar binnengelopen. De lading zou dadelijk gelost worden. (opm: zie volgend bericht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Aangaande het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Reints, van Hamburg naar Amsterdam (niet van Amsterdam naar Hamburg als bevorens verkeerdelijk gemeld) te Delfzijl binnen, wordt van daar van den 1 dezer gemeld, dat de lading geheel gelost is, en daarvan beschadigd waren bevonden 9 kisten glas, 30 balen koehaar, 1 baal manufacturen gemerkt P, en 2 collis planten gemerkt Z. & Co. (opm: zie voorgaand bericht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Kapt. K.H. Dijkhuis, van Suriname te Amsterdam gearriveerd, rapporteert, den 4 maart, op 39º34’ N.B. en 20º30’ W.L, na twee dagen tevoren een hevige storm doorgestaan te hebben, aanboord te zijn geweest bij een ogenschijnlijk Engelse brik, zonder naam, beladen met hout, waarvan de spiegel geheel in, en de grote mast, de relings en alles op het dek kortelings weggeslagen was, hebbende een galjoen (opm: licht, ondersteunend deel van de boeg, waarop de boegspriet rust) met een wit beeld voorop en wederzijds negen geschilderde geschutpoorten;
als ook den 22 dito, op de hoogte van Bevezier (opm: Beachy Head), te hebben gepraaid het Rotterdams schip (opm: kof) DOLPHYN, tonende Rotterdamse vlag no. 119, zijnde die van kapt. B.J. Bakker, van Rotterdam naar City-Point (opm: onduidelijk welke haven in de USA: Boston-City Point (Mass); City Point (Florida) of City Point (Maine), hebbende alstoen een frisse koelte uit het N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 april. Heden is te Pernis met het beste gevolg van stapel gelaten het hoekerschip genaamd ´t DORP PERNIS, gebouwd voor rekening van de heer Dirk Pons, aldaar, door de scheepsbouwmeester Pieter Hoogband, zullende worden gevoerd door kapt. Leendert Noordzij.


07 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 5 april. Uitgezeild MARGARETHA CATHARINA, J.H. Schippers, naar Batavia.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. F. Witteveen, Notaris te Metslawier, zal op woensdag den 12 april 1837, des namiddags ten 3 ure, ten huize van A. Feenstra, kastelein te Dockum, finaal verkopen: een kofscheepje, de HOOP genaamd, gemeten op 16 tonnen, met hetgeen daartoe en aanbehorende is, liggende op de Streek bij Dockum, thans door de mede-eigenaar Gjalt P. van Goënga bevaren; waarop slechts geboden is NLG 475.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris de Vries, te Augustinusga, zal op donderdag den 20 april 1837, ten 3 ure na den middag, in de herberg van Heerke Westra, te Strobos, ter instantie van Luitjen Boonstra, bij gereed geld, presenteren te verkopen: een nieuw Schuite-schip, met mast, wigt (opm: contragewicht aan de mastvoet, waardoor zij gemakkelijk strijkt), zeil en treil, staand en lopend want en verdere annexen, lang 14 Nederlandse el en 2 palm, wijd en hol naar advenant, zodanig door de Weduwe Jan Johannes Veenstra wordt bevaren.
Zullende 8 dagen voor de verkoopdag, te Strobos ter bezigtiging liggen.


08 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. In de nacht van 21 maart, heeft het in de Oostzee verschrikkelijk gestormd, waarbij menigvuldige schepen schade bekomen hebben.
Het schip de JONGE ALBERDINA, gevoerd door kapt. H.B. Mulder (opm: tjalk, bouwjaar 1829; kapt. Harm Berents Mulder), van Groningen, is in de nacht van den 20 op den 21 maart op het eiland Hiddensee (opm: plm. 54º32’ N.B. 13º06’ O.L.) gestrand, waarbij één matroos verdronken is. Het schip was geheel onder het ijs bedekt en zal denkelijk weg zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. De schepen HENDRIKA, kapt. K.B. de Weerd, van Amsterdam naar Fernambuck (opm: Pernambuco = Recife), CATHARINA, kapt. E.R. Huisman, van Amsterdam naar Demerary, en ALIDA, kapt. G.E. Jonker, van Amsterdam naar Liverpool, te Deal binnen, hebben den 30 maart hunne reizen voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 april. Te Liverpool was den 30 maart bezig met laden het schip LUKKINA MARGARETHA (opm: kof LUKKINA MAGRIETA), kapt. H.S. Hoveling, voor Alkmaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De opper-strandvonder van het oud-dominiaal ressort van Haarlem zal, ingevolge bekomen autorisatie, op dinsdag den 11 april 1837, des voormiddags ten 10 ure, te Scheveningen aan het strand, benoorden het dorp, om contant geld publiek doen verkopen: het Hol of casco met deszelfs masten, van het op 28 maart 1837 op reis van Stockholm naar Rotterdam gestrand schoenerschip de VIGILENCE. Voorts ten 11 ure, in het dorp, in het Heeren-Logement, een gedeelte der lading, van gemeld schip geborgen, als 498 hele vaten Stockholmer teer en 80 halve dito, alsmede de inventaris van meergemeld schip, bestaande in 3 ankers, 20 stuks zeilen, staand en lopend want, een boot, een paarlijn, 2 kabels, rondhout, kajuits- en andere scheepsgoederen. Alle voorgeschreven voorwerpen en goederen kunnen twee dagen voor de verkoping worden bezigtigd, terwijl bij de substituut-strandvonders te Scheveningen nadere informatiën zijn te bekomen. Zegt het voort.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 6 april. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip STAD UTRECHT,kapt. A. Rolff, met drie passagiers, de 21e november vertrokken van Amsterdam.


10 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip de JONGE HYLKE TROMP, kapt T.S. Oldendorp, van Bahia naar Amsterdam, is de 1e april lek en met verlies van het roer te Cowes binnengelopen, hebbende alstoen 101 dagen reis.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip de GEBROEDERS, kapt. P.C. Sorgdrager, van Rio de Janeiro naar Amsterdam, te Cowes binnen, heeft de 1e april de reis voortgezet.


11 april 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 26 maart het kofschip JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, van Noorwegen; het schoenerschip LIVELY, kapt. S.H. Finch, van Londen.
Den 27 dito het schoenerschip FIERS, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 28 dito de kofschepen de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Sunderland, de ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, van Liverpool, het schoenerschip HOPE, kapt. W. Cousins, van Londen.
Den 29 dito het schoenerschip FAME, kapt. W. Barfield, van Londen.
Den 1 april het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, van Newcastle.
Den 2 dito het schoenerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, van Londen.
Den 4 dito het kofschip MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, van Noorwegen.
Den 5 dito het kofschip VRIENDSCHAP, kapt. H.J. Klazen, van Noorwegen.
Den 6 dito de kofschepen de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot en die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, beide van Noorwegen.
Den 7 dito het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, van Noorwegen.
Uitgezeild: den 27 maart het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, naar Londen.
Den 29 dito de kofschepen ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff en de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, beide naar Noorwegen.
Den 30 dito het schoenerschip UNION, kapt. R. Winter, naar Londen.
Den 31 dito het kofschip ZEELUST, kapt. R. Sluik, naar Noorwegen, het smakschip ZEELUST, kapt. G.H. Kramer, naar de Oostzee.
Den 2 april de schoenerschepen SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Schotland, HOPE, kapt. W. Cousins en FAME, kapt. W. Barfield, beide naar Londen.
Den 3 dito het kofschip CORNELIA, kapt. R.A. Oortjes, naar Noorwegen.
Den 5 dito het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, naar Schotland, de brikschepen WILHELM FRIDERICH, kapt. J.A. Parr en HABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, beide naar Noorwegen.


13 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s-Gravenhage, 12 april. Men heeft alhier bericht ontvangen, dat de brik DE SNELHEID, na een reis van 48 dagen, in het begin van december (opm: 1836), te Rio-Janeiro is aangekomen, alwaar zich Z.K.H. prins Hendrik, derde zoon van Z.K.H. de Prins van Oranje destijds nog bevond en onafgebroken met veel onderscheiding werd ontvangen; onderscheiden partijen werden aldaar steeds te zijner ere gegeven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip ALBERDINA, kapt. J.J. Joosten, van Hamburg naar Groningen, is den 4 dezer te Cuxhaven binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip INGEBORG CAROLINA, kapt. H. Berentzen, van Arendahl (opm: Arendal) naar Amsterdam, is den 27 maart te Arendahl uit zee teruggekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip de BROEDERTROUW, kapt. J.H. Hazewinkel, van Dordrecht naar Batavia, is den 3 dezer Deal gepasseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip de VROUW MARGARETHA, kapt. F. van der Meyden, van Malaga naar Rotterdam, is den 27 maart met schade te Lissabon binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip ‘s LANDS WELVAREN, kapt. W. Schep, van Villanova naar Vlaardingen, is mede te Lissabon lek binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 april. Het schip (opm: brik) de TREKVOGEL, kapt. J. Spanjersberg, van Rotterdam naar Lissabon, is den 2 dezer, op 48º41’ N.B. en 7º W.L, gepraaid door de te Falmouth terug gekomen post-stoomboot RAMONA, kapt. King.


14 april 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een half Trekschip, varende van Leeuwarden
op Sneek en terug. Te bevragen bij F.W. Hoven, te Leeuwarden, of M. Hoven, te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Kofschip of Praam, met platte luiken, groot zestien tonnen, volgens meetbrief, nieuw uitgehaald in den jare 1827, de opstaande boedel zo wel luiken, zweerden, mast, zeilen, kleden als anderzins nagenoeg geheel nieuw, met daarbij de gehelen inventaris, op zeer gemakkelijke conditiën; liggende te Wolvega; te bevragen bij de eigenaar P.O. de Jong, aIdaar.

RC 150437
’s-Gravenhage. Met den 15 dezer zal het te Willemsoord liggend geraseerd (opm: van masten en tuig ontdaan) fregat ALGIERS, onder bevel van de kapitein ter zee Machielsen, een proefreis ondernemen in de Noordzee (opm: zie PGC 120537), en vergezeld worden door de insgelijks geraseerde corvet AMPHITRITE, waarvan het commandement is opgedragen aan de kapitein-luitenant ter zee Tengbergen.


15 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s-Gravenhage. Zijne Majesteit heeft aan de schipper Jacob Versteeg, voerende het vissers vaartuig de DRIE GEBROEDERS, een vererend getuigschrift doen uitreiken, wegens het redden van de zeelieden van het Engels brikschip THE NYMPH, en wijders aan hem, benevens aan de manschappen daarvan, welke tot die redding hebben bijgedragen, enige gratificatie doen uitreiken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 april. Kapt. H. de Weerd Jr, voerende het schip (opm: kof) YPEUS, van Ostrisoer den 11 dezer te Harlingen gearriveerd, rapporteert, de vorige dag drijvende gevonden te hebben het wrak van de kof de TWEE GEBROEDERS, kapt. H.J. Zeven, van Oudsoen naar Holland, en daarvan te hebben gered de genoemde kapitein Zeven, benevens de stuurman K.J. Zeven. (opm: zie PGC 250437)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 12 april. Gisteren is hier aangekomen het Nederlandse schip FLEVO, kapt. H.T. Amsberg, met een aantal passagiers, de 20e november vertrokken van Texel.
Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip DE MAAS, kapt. M. van Velthoven, de 22e november vertrokken van Rotterdam, het dito schip DE NEDERLANDER, kapt. A.J. Struijk,met een passagier, de 20e november vertrokken van Amsterdam, de dito bark ADELAAR, kapt. W. Smith, met twee passagiers, de 23e november vertrokken van Liverpool, het dito schip ANNA CATHARINA, kapt. P. Bakker, met een transport koloniale matrozen, de 21e november vertrokken van Amsterdam, en de dito brik JOHANNA, kapt. E. Bergman, de 24e december vertrokken van Rotterdam.


18 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Den 15 dezer, des morgens, zeilden uit de Maas: ELIZABETH, G. Pybus, naar de Oost Zee, de VROUW FEMMEGINA, A.K. Braam, naar Flekkefjord,
den 16 dezer MARIA, E.G. Pekelder, naar Elseneur (opm: Helsingör), en arriveerde PRINSES VAN ORANJE, H.C. Kool, van Duinkerken, en ROTTERDAM PACKET, G. Britt, van Rye. Wind Z.O.
Den 15 dezer, des morgens, zeilden van Maassluis ANNA ELIZABETH, S. Harkes, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), de VRIENDSCHAP, J.H. Zant, naar Rostock, ALIDA IKINA, W.A. de Jonge, naar Aberdeen, GOEDE VERWACHTING, J. van der Sluis, naar Duinkerken.
Den 16 dezer arriveerden te Helvoetsluis HOOP EN VERWACHTING, K.K. de Boer, van Bordeaux, VOLHARDING, W. Leeuwrik, van Stettin (opm: Szczecin).
Den 17 dezer ALBERTINA, H. Potjewijd, GEZIENA, K.K. Wijkmeyer, JOHANNA GEZIENA (opm: ook JOHANNA GESINA), P.G. Schuur, en DOROTHEA, P. de Boer, van Liverpool; VRIENDSCHAP, J. Kwakkelstein, van Lissabon; MONNIKENDAM, D.H. Kramer, van Triëst; MARIANNE, J.B. Cornelius, van Leer, en WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, van Cardiff. De wind W.N.W.
(opm: uitsluitend [waarschijnlijk] Nederlandse schepen opgenomen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Kapt. A. Berendsen, in Texel binnen, rapporteert den 12 dezer, Texel Z.Z.O. 6 mijlen van zich hebbende, gezien te hebben een masteloze kof vol water, gesleept wordende door een Engelse sloep, koers houdende naar Engeland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Het schip de JONGE HIJLKE TROMP, kapt. T.S. Oldendorp, van Bahia naar Amsterdam, te Cowes binnen, was, volgens brief van daar van den 9 dezer, van de geleden schade hersteld. (opm: zie RC 200437)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Het schip de BROEDERTROUW, kapt. J.H. Hazewinkel, van Dordrecht naar Batavia, laatst van Deal, was den 6 dezer in goede staat op de hoogte van Wight.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Het schip (opm: kof) de TWEE VRIENDEN, kapt. G.S. Bakker, van Cardiff naar Amsterdam, is den 10 dezer te Plymouth binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Het schip de PRESIDENT SCHIMMELPENNINCK, kapt. A. Nannings, van Amsterdam naar Batavia, te Plymouth binnen, heeft den 7 dezer de reis voortgezet. (opm: zie RC 090337 en 110337)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Het schip ABEL (waarschijnlijk ABEL TASMAN, kapt. H.H. Zijlstra), van Batavia naar Amsterdam, is den 31 januari, op 28º41’ Z.B. en 47º10’ W.L, gepraaid door kapt. Salez, van Calcutta te Bordeaux gearriveerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Te Batavia zijn gearriveerd C. Neurenberg en J.H. Zeeman van Rotterdam, D.A. de Jong van Japan, P. Kraay, H. de Jong, B.C. Jaski en J.P. Claassens van Amsterdam, en STRAAT SUNDA, D. Bulsing, van Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 14 april:
De JONGE LEWIS, Molder, (opm: kof JONGE LOUIS, kapt. T.M. Mulder, zie ook PGC 210437) van Cardiff naar Amsterdam, is te Douvres (opm: Dover) binnen met zware haverij (opm: averij) en lek, zijnde op de hoogte van Hastings door een schoener overzeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, makelaars te Rotterdam, zijn van mening op donderdag den 27 april 1837, des n.m. ten 4 ure, in het locaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk A, No. 458, te veilen en verkopen: het Nederlands gebouwd gekoperde Fregatschip, genaamd ORTELIUS, laatst gevoerd bij kapt. D.C. Niesen, lang 38,05 el, wijd 6,52 el, hol 5,70 el, en alzo groot 628 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve is liggende te Rotterdam in de Leuvehaven.
Als mede het Nederlands gebouwd gekoperde Fregatschip, genaamd BORNEO, laatst gevoerd bij kapt. D. Charlau, lang 38 el, wijd 6,48 el, hol 5,78 el, en alzo groot 633 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, geschut, ankers, kettingen, touwen, zeilen en verdere inventaris, zo als hetzelve is liggende te Schiedam aan de Scheepstimmerwerf.
(opm: de veiling werd hierna twee keer uitgesteld, eerst tot 2 mei, tenslotte tot 9 mei, toen Anthony van Hoboken & Zonen, Rotterdam, voor NLG 80.000 en bloc de ORTELIUS en de BORNEO kocht; de ORTELIUS kreeg de naam CANTON onder kapt. Niesen; de BORNEO werd aanvankelijk DECIMA maar ging als MENADO onder kapt. D. Charlau naar zee)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia:
- Met zeer goede inrigtingen voor passagiers, het Nederlands gekoperd Barkschip JAVA, kapt. H. Peters, vertrekt den 20 dezer.
- Voor goederen en passagiers, het Nederlands gekoperd Fregatschjip JOHANNA CORNELIA, kapt. H.F. Horneman.
- Het Nederlands fregatschip STAD ROTTERDAM, kapt. C. Poort, met goede inrigtingen voor passagiers, om den 25 dezer te vertrekken.
Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuyzen


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MACASSAR, kapt. H. Poppen, van Batavia naar Rotterdam, is op 11 januari gepraaid op 32 graden breedte en 30 graden lengte.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, den 17 april. Bij koninklijk besluit van den 3 dezer is het, met eenparige stemmen van de aanwezige deelhebbers in de Reederij de Hoop, te Vlaardingen, in hunne op den 21 maart dezes jaars gehouden vergadering genomen besluit, bekrachtigd, en mitsdien goedgekeurd, dat het kapitaal dezer naamloze maatschappij, hetwelk, ten gevolge van geleden verliezen, aanmerkelijk verminderd was, wederom door hen zal worden aangevuld en alzo op nieuw tot de som van vijf en zeventig duizend guldens, waarop hetzelve bij art. 4 der statuten bepaald is, teruggebragt; onder gehoudenheid van de ter vergadering opgekomen deelhebbers om, ingevolge hun aanbod, de aandelen van de weinige afwezend gebleven deelhebbers, welke tot deze wederaanvulling niet mogten genegen zijn, tegen de daarvoor bij het proces-verbaal der zitting, in evenredigheid met de tegenwoordige waarde der aandelen volgens de laatste balans, vastgestelde prijs, voor eigen rekening over te nemen en ook daarvan de aanvulling tot het volle bedrag te doen. Tevens is de duur der Maatschappij, met wijziging in zo verre van art. 2 der statuten met tien jaren verlengd, aanvang nemende met den 15 juni 1840, en alzo op dezelfde dagtekening voor 1850 eindigende; blijvende overigens al de verdere bepalingen der statuten van kracht en waarde.
Bij de Nederlandsche bank is de uitdeling over het afgelopen 23ste boekjaar bepaald op NLG 80 per actie (opm: aandeel).


  LC - Leeuwarder Courant

Uit ’s Gravenhage schrijft men dat men aldaar bericht heeft ontvangen dat de brik de SNELHEID, na een reis van 48 dagen, in het begin van december, te Rio-Janeiro is aangekomen, alwaar zich Z.K.H. Prins Hendrik, derde zoon van Z.K.H. de prins van Oranje, destijds nog bevond en onafgebroken met veel onderscheiding werd ontvangen; onderscheiden partijen werden aldaar steeds te zijner ere gegeven.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 11 april de kofschepen JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, en IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, beide van Noorwegen.
Den 13 dito de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. W.J. Visser, de JONGE DIRK, kapt. H. E. Vos, en de WAAKZAAMHEID, kapt. J.K. de Weerd, alle drie van Noorwegen.
Den 14 dito de kofschepen de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth, VRIENDSCHAP, kapt. B.J. de Boer, EGBERTUS, kapt. L.E. Tiktak, de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert en het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J.J. Giersoe, alle zeven van Noorwegen.
Uitgezeild: den 10 April de schoenerschepen LIVELIJ, kapt. S.H. Finch, en FLORA, kapt. J. Manning, beide naar Londen.
Den 11 dito de kofschepen IDA ALEIDA, kapt. O.J. Woldring, ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun en MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, alle drie naar Noorwegen; het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, naar Newcastle, het tjalkschip SARA, kapt. H. Botje, naar Hull.
Den 13 dito het kofschip (opm: tjalk) EUROPA, kapt. K.J. Scholtens, naar Hull.
Den 14 dito de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen, JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, alle drie naar Noorwegen en PIETERDIENA, kapt. H.R. Duit, op avontuur.
Den 15 dito de schoenerschepen ORWELL, kapt. R. Cubitt, en FRIENDS, kapt. J. Manning, beide naar Londen.


19 april 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 16 april. De 14e april is hier aangekomen het Nederlandse schip CLAUDIUS CIVILIS,kapt. W. Groen, met een passagier, de 28e december vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip GENERAAL CHASSÉ, kapt. J.C. Schmidt, met een passagier, de 5e februari vertrokken van Macao.


20 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Z.K.H. de hertog van Cumberland is maandagavond alhier aangekomen en aan het Grand Hotel des Pays-Bas afgestapt. Gisteren is Hoogstdezelve met de stoomboot BATAVIER naar Londen vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Kapt. K.K. Wijkmeijer rapporteert, den 14 dezer, op de hoogte van Wight, in goede staat gepraaid te hebben een driemastschip, tonende de Amsterdamse nommervlag 178 (opm: kapt. Rinke Tjebbes Pieterszn, voerende de bark de JONGE LODEWIJK ANTONIE).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Het schip AFINA kapt. D.H. Drewes (opm: VROUW AFINA, vermoedelijk smak, kapt. Drewe Hendriks Drewes), van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, laatst van Cuxhaven en Delfzijl, is, volgens brief van Grietzijl (opm: Greetsiel) van den 13 dezer, door loodsen, met verlies van het roer en andere zeer zware schade, die dag aldaar binnengesleept; de lading zou gelost worden, om het schip, zo mogelijk, te repareren. (opm: het schip werd in Greetsiel afgekeurd en verkocht; de consul te Emden retourneerde de zeebrief op 14 juli 1837)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Aangaande het schip (opm: kof) de JONGE HYLKE TROMP, kapt. T.S. Oldendorp, van Bahia naar Amsterdam, te Cowes binnen (bevorens gemeld [opm: zie RC 180437]), wordt van daar van den 13 dezer bericht, dat het op de modder gelegd was, om te worden schoongemaakt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 april. Aangaande de schepen ’s LANDS WELVAREN, kapt. W. Schep, van Villanova naar Vlaardingen, en de VROUW MARGARETHA, kapt. F. van der Meyden, van Malaga naar Rotterdam, beide te Lissabon binnen (bevorens gemeld [opm: zie RC 130437]), wordt van daar van den 28 maart bericht, dat het eerste wegens lekkagie zou moeten lossen om te repareren, en het laatste een der masten verloren had.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, makelaars te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag den 25 april 1837, des n.m. ten 4 ure, in het Locaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk A, No. 458, te veilen en verkopen:
- Eerstelijk, het Nederlands gebouwd, met zink en vilt gedubbeld Brikschip genaamd DE HOOP, laatst gevoerd bij kapt. Cornelis Bloem, lang 24,20 el, wijd 4,18 el, hol 2,90 el, en alzo groot 130 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers touwen, zeilen en verdere inventaris. (opm: koper werd Gerard Mauritz & Co, Dordrecht, nieuwe naam AURORA)
- Ten tweede, het Nederlands gebouwd Galjootschip, genaamd ANNETTE, laatst gevoerd bij kapt. K. van den Oever, lang 20,40 el, wijd 4,46 el, hol 2,60 el, en alzo groot 105 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers touwen, zeilen en verdere inventaris.
- Ten derde, het Nederlands gekoperd Fregatschip, genaamd APOLLO, laatst gevoerd bij kapt. C.M. van Dijcke, lang 30,40 el, wijd 5,48 el, hol 4,20 el, en alzo groot 311 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers touwen, zeilen en verdere inventaris.
Liggende de voorschreve schepen in de Leuvehaven, aan de Westzijde, omstreeks de Posthorensteeg. (opm: het schip, bouwjaar 1813, werd verkocht voor de sloop)
- Ten vierde, Het Nederlands gebouwd Galjootschip, genaamd DE HOOP, laatst gevoerd bij kapt. P.G. Lesstuyver, lang 22,00 el, wijd 5,12 el, hopl 2,39 el, en alzo groot 120 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers touwen, zeilen en verdere inventaris, liggende in de Scheepmakershaven, aan de Punt.
Zullende de veiling van het Fregatschip APOLLO, en van het Galjootschip DE HOOP geschieden, eerst van de gehele massa en daarna van de hollen en de inventarissen in afzonderlijke kavelingen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Kapt. B.H. Plukker, voerende het Nederlandse kofschip genaamd DE JONGE HENDRIK, van Arendal naar Harlingen bestemd, thans liggende in de haven van Terschelling en door deskundigen voor onherstelbaar en onbevaarbaar verklaard, hiertoe behoorlijk geautoriseerd, zal op dinsdag de 25e april 1837, voormiddags te 10 uur, in het logement De Zwaan op Westerschelling, door een daartoe bevoegd beambte, publiek doen verkopen het wrak of casco van gemeld kofschip, benevens al des schips tuigage en toebehoren, bestaande in 4 ankers, 2 zwaartouwen, 2 trossen, lopend en staand touwwerk, 12 stuks zeilen, een boot en verder kleingoed. (opm: de kof werd verkocht en gesloopt)


21 april 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schoener ST. THOMAS, kapt. N.S. Jylle, van Messina naar Petersburg, is, na reeds bij Wittow geweest te zijn doch wegens het ijs hebben moeten terugkeren, op 9 april bij Prestoe gestrand, zijnde 1 man der equipage doodgevroren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. Jylle rapporteert op 18 maart op 48º22’ N.B. 16º47’ W.L, gezien te hebben een Hollandse brik, tonende de vlag van College Zeemanshoop, met No. 368, zijnde waarschijnlijk die van kapt. H.K. Millers, voerende de brik de VERWACHTING, van Amsterdam naar Baltimore en Suriname.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) BROEDERLIJKE LIEFDE, kapt. H.J. Nagel, van Kiel naar Fisherrow (opm: nabij Edinburgh), is op 10 april wegens slecht weer en tegenwind op de rede van Grimsby gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) de JONGE LOUIS, kapt. T.M. Mulder, van Cardiff naar Amsterdam, is, na op 11 april op de hoogte van Hastings door een schoener overzeild te zijn, de volgende dag lek en met zware schade aan de boeg, de spiegel en het braadspil te Douvres binnengelopen. (opm: zie ook RC 180437)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Liverpool waren op 13 april bezig met laden, de schepen CHRISTINA, kapt. P.R. Lucht, voor Amsterdam en JANSINA ENGELINA (opm: kof JANTINA ENGELINA), kapt. H.T. de Jonge, voor Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VROUW ANNA, kapt. P. Visser was op 12 april te Hull bezig te laden voor Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris F.IJ. de Boer te Makkum, zal op maandag den 24 april 1837, des voormiddags ten 11½ ure, aan de scheepstimmerwerf van Brouwer, te Makkum, publiek bij boelgoed en gereden gelde presenteren te verkopen een scheepslading van 150 stuks beste nieuwe grenen delen van 3 el 5 palm 42 streep tot 7 el 1 palm 4 streep lengte; een partij best eiken sloophout, rondhout, gedeelten van masten, stengen, ra’s enz; benevens 1000 Nederlandse ponden sloopijzer en hetgeen meerder zal worden te voorschijn gebracht, aldaar van Terschelling aangevoerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop of te huur: een prompte Scheepstimmerwerf en Kanthelling, met koopmans huizinge en erf cum annexis (opm: met toebehoren), staande en gelegen op de Langestreek te Lemmer. Informatiën bij H.M. de Vries aldaar. (opm: identieke advertentie in LC 050537)


22 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 april. Volgens brief van de kapitein ter zee T. de Monyé, commanderende Zr.Ms. fregat DE ZAAN, gedagtekend den 2 februari jongstleden, was genoemde bodem, na den 24 december j.l. (opm: 1836) van den Helder uitgezeild te zijn, den 1 februari te Rio-Janeiro aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 april. Van het smakschip HERSTELLING, kapt. B.H. Smit (opm: kapt-eigenaar Wolbert Alberts Smit), den 18 februari l.l. van Maassluis naar Hull gezeild, is sedert niets vernomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 april. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 18 april.
De PEKILI, een Hollands galjoot, met hout geladen en door het volk verlaten, is te Yarmouth binnen gebragt.


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens een brief d.d. 6 februari jl. uit Rio de Janeiro aan boord van 's Rijks fregat DE ZAAN, wordt ons geschreven, dat dit fregat bij het uitzeilen uit Texel in een geringe mate op de punt van de Haaks heeft gestoten; dat dit in de beginne van de zeer voorspoedige reis niet de minste invloed heeft doen kennen, doch dat men daarna bij enige aanmerkelijke helling wel 5 palmen water in de 4 (opm: 5 decimeter water in de 4 uur) maakte, hetgeen het besluit ten gevolge had gehad om Rio de Janeiro aan te doen; dat men echter bij nauwkeurig nazien nog geen het minste letsel aan het schip had bespeurd. In twee etmalen waren zij van Texel tot buiten Het Kanaal gekomen. De 31e december was het fregat 's nachts Madeira gepasseerd. De 9e januari jl. zagen zij reeds St. Antonio; de 17e praaiden zij de FLEVO, kapt. Amsberg en de 19e de STAD UTRECHT, kapt. Rolf; op beide schepen was alles wel. De 18e januari passeerde DE ZAAN de linie; de 31e kregen zij Kaap Frio in het gezicht en liepen de 1e februari behouden in Rio de Janeiro binnen, waar het schip thans gebreeuwd wordt en spoedig de reis naar Batavia denkt te vervolgen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een nieuw kofschipshol, groot volgens
Nederlandse meetbrief 116 tonnen of 61 lasten, geheel volgebouwd om te water te
kunnen lopen. Te bevragen bij de makelaar Johannes Boelen, op de IJgracht no. 13.
(opm: zie AH 250737)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 20 april. Heden is hier aangekomen Zr.Ms. fregat DE ZAAN, kapt.t.zee A. de Monije, met vijf civiele passagiers, de 24e december vertrokken van Texel.


24 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J.H.A. Balwé, J. Corver, J. Boelen, B.D. Bosscher, J.J. Korthals en D. Beth, makelaars, zullen op maandag den 22 mei 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, ten overstaan van notaris B. Tideman, in de Nieuwe Stads-Herberg, aan het IJ, verkopen: een extra-ordinair, welbezeild gekoperd Pinkschip, genaamd DE KOLONIST, varende onder Nederlandse vlag, laatst gevoerd door kapt. D. Spreeuw, volgens Nederlandse meetbrief lang 27 ellen 40 duimen, wijd 4 ellen 95 duimen, hol 4 ellen 74 duimen, breder bij de inventaris en bericht bij de bovengemelde makelaars.
(opm: zie AH 240537)


25 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Men verhaalt, dat de beroemde fabrijkant, de heer John Cockerill, het aanleggen van een ijzeren spoorweg van Parijs naar de Belgische grenzen ondernemen zal.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. In de Javasche Couranten tot den 7 december 1836 vindt men het volgende:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. fregat DIANA en brik ORESTES, civiele schoeners ZWALUW, CALYPSO en POSTILLON, Nederlandse schepen ADMIRAAL DE RUITER, L’ESPERANCE, BATAVIA, KOOPHANDEL, PLEIADES, EMANUEL, NEPTUNUS, MARY EN HILLEGONDA, ERICH, en VASCO DA GAMA, stoomboot VAN DER CAPELLEN, brikken de VROUW HENDRIKA, PEENGHOEY, de HOOP, INDRAMAYOE, NORFOLK, TARTAR, INGSOEN en PASSEKAN, barken FATAL DJAWAT, CASTOR, ELEONORA, VILLA, PERLE en SUMATRA, schoeners OEDJOENG PANDAN, AUGUSTE, PAUL, NASRIE en DIANA,
Amerikaanse schepen DUXBURY en LONDON.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen ANNA EN LOUISA naar Pekalongan, KORTENAER EN NEÊRLANDS KONINGIN naar Rotterdam, ABEL TASMAN, SUSANNA en de STAD SCHIEDAM naar Soerabaya, ROTTESTROOM en HENDRIKA naar Samarang en KONINGIN DER NEDERLANDEN naar het eiland Onrust.
Te Samarang is aangekomen van Batavia het Nederlandse schip GOUDA SUSANNA.
Te Soerabaya lagen ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE en brik SIWA, schoeners KROKODIL, JANUS en CASTOR, en civiele schoener VLIEGENDE VISCH, Nederlandse schepen SINGAPOERA, GENERAAL CHASSẾ, DE VRIENDEN, de STAD AMSTERDAM, SUMATRA, MASTORA, LOUISA en CLARA HENRIETTE, brikken SUSANNA DOROTHEA, INGSOEN, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken le CHARLES, KALIMAAS en SHEYA, schoeners IRIS, FATAL KAIR, SRIE BANDAN en DRACKE, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE en Amerikaanse schip ROME.
Te Soerabaya is gearriveerd het Nederlandse schip HELENA, van Batavia, en van daar gezeild het dito schip ONDERNEMING naar Middelburg.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MACASSAR, kapt. H. Poppen, van Batavia naar Rotterdam, is op 13 april te Plymouth binnengelopen en heeft op 15 april de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Den 21 dezer arriveerden te Helvoetsluis de JONGE TJARK GIEZEN (opm: kof), L.T. Sok, en de JONGE EGBERTUS (opm: kof), J.B. Mulder, van Cardiff, FLORA, D. Weydeman, van Baltimore, HENDRIKA ELIZABETH (opm: brik), A. Riedijk, van Smyrna (opm: Izmir), en ligt ter quarantaine op de rede.
Den 22 dezer zeilden CATHARINA, J.H. Middel, naar Liverpool, en arriveerden MERCUUR, L. Valkenberg, van Cuxhaven, en NEPTUNUS, W.A. Bakker, van Liverpool.
Den 23 dezer arriveerden DIANA, O. Lindeman, van Batavia, de JONGE EVERT, B.J. Wijgers, van Nickerie, en zeilde CATHARINA ELSINA, H.A. Schuuring, naar Hull.
Den 21 dezer arriveerden in de Maas l’ESTAFETTE, E. Perre, van Duinkerken, en de vishoeker HARING EN KABBELJAAUW-VISSCHERIJ, schipper J. Verwey, aan boord hebbende de equipagie van het gezonken brikschip PHOENIX, gevoerd geweest door kapt. J. Clark (opm: zie RC 270437), van Newcastle naar Koppenhagen gedestineerd.
Den 22 dezer zeilden van Maassluis SIBILLA GEZINA, J.H. Ricke, naar …, SUSANNA, W.J. Mulder, naar Hamburg.
Den 23 dezer de JONGE HELENA, D.J. Tobbens, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).
Den 23 dezer arriveerden te Helvoetsluis WILLEM, J.F. Klomp, en MACASSAR, H. Poppen, van Batavia.
Den 24 dezer Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO, kapitein-luitenant Le Jeune, van Texel, en de GOEDE HOOP, M.J. de Jonge, van Bordeaux, en zeilden PETRUS LUDOVICUS, W.J. Wilkens, naar Newburg, FLORA, P. Jacobs, naar Hull, de VROUW MAARTJE, J. Spanjersberg, naar Baltimore.
Volgens rapport was voor de wal met loodsen aan boord NEÊRLANDS KONINGIN, W. Verloop, van Batavia. De wind Z.Z.W.
Den 24 dezer zeilde uit de Maas de HOOP, D. Guyt, naar Liverpool. De wind Z.
Den 24 dezer zeilden van Maassluis ZORG EN VLIJT, J.R. Berghuis, naar Belfast, en ALBERDINA, G. Veenema, naar Rouaan. De wind Z.
Kapt. M.J. de Jonge (opm: kof GOEDE HOOP), te Helvoetsluis binnen, rapporteert den 19 dezer gepraaid te hebben, op 49º20’ N.B. en 05º35’ W.L. van Greenwich, de driemast kof ANTOINETTE, B.G. Peterse, van Leer naar New-York bestemd; aan boord was alles wel.
(opm: uitsluitend [waarschijnlijk] Nederlandse schepen opgenomen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. Volgens een brief van de kapitein Maarten Schaap, was het schip NEÊRLANDS KONING op den 3 maart in de beste staat zeilende op 02º30’ N.B. en 22º30’ lengte west van Greenwich. Al de passagiers en de gehele equipagie genoten de beste gezondheid. Door dit bericht is alle geloof vervallen aan het vroegere, dat het schip op den 5 maart masteloos te Cadix zou zijn binnengelopen (opm: zie RC 180337).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 april. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. fregat AMPHITRITE, kapitein-luitenant ter zee Tengbergen, van Helvoetsluis. (opm: als steeds zijn namen van kapiteins zonder vermelding van de scheepsnaam niet opgenomen)


  RC - Rotterdamsche Courant

De Javasche Courant van den 21 december 1836 bevat geen bijzonder nieuws.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. kotter TOLERANTIE, fregat DIANA en brik ORESTES, civiele schoener DORIS, Nederlandse schepen ADMIRAAL DE RUITER, L’ESPERANCE, MARY EN HILLEGONDA, ZEEMANSHOOP, PEKALONGAN, BATAVIA en FAIDOOL RACHMAN, stoomboot VAN DER CAPELLEN, brikken PEENGHOEY, de VROUW HENDRIKA, MACHLAAR, NORFOLK, OEY INGTJOAN, GOANLIE, ONDERNEMING, BETZY en la LUEILE, barken FATAL BARI, SUMATRA, BANKA, JADUL KARIM, GOUDA SUSANNA, NEDERLANDER, FATAL HAIR, POLLUX en FATAL GHAIR,
schoeners AUGUSTE, the INGMAN, CALYPSO, de HOOP OP WELVAART, NASRIE, GOANKIEN, HAPSOEN, GOANSOEN, AMELIA en CAROLINA, Amerikaanse schepen MARY en BALLARD, en brik DELIGHT, Engels schip LORD LYNDOCH, Franse brik SOLIDE en bark EMILE.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen ZUID-HOLLAND en MARY EN HILLEGONDA naar Soerabaya.
Te Samarang zijn gearriveerd de Nederlandse schepen JACOB CATS van Passaroeang en SUMATRA van Soerabaya.
Te Soerabaya lagen den 13 december 1836 ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE en brik SIWA, schoeners KROKODIL, JANUS en CASTOR, Nederlandse schepen SINGAPOERA, DE VRIENDEN, MASTORA, LOUISA, SUSANNA, ABEL TASMAN en JOHANNA FREDERIKA, brikken TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken le CHARLES, KALIMAAS, JANE, JOHANNA WILHELMINA en FATAL KARIEM, schoeners IRIS, SRIE BANDAN, DRACKE, DOLPHYN, SINGBRE, MARIA FREDERIKA, CORINGA, BABERASA en JOHANNA CHARLOTTA, pantjallang (opm: een grote soort prauw voor goederenvervoer) BESIE en Amerikaanse schip HANOVER.
Van Soerabaya is gezeild het Nederlandse schip KOOPHANDEL naar Passaroeang.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. J. Kwakkelstein (opm: voerende de hoeker VRIENDSCHAP), van Lisbon te Helvoet binnen, heeft op 6 april op de hoogte van Greenwich met Oostelijke wind in goede staat zeilend gezien een brik, tonende de vlag van het College Zeemanshoop met No. 101, zijnde die van kapt. J.T. Visser, voerende het schip ALIDA, van Amsterdam naar Havana, en de volgende dag een bark, tonende diezelfde vlag met No. 335, zijnde die van kapt. J.H. Schippers, voerende het schip MARGARETHA CATHARINA, van Amsterdam naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. K.K. de Boer, van Bordeaux te Helvoet binnen, heeft op 5 april met O.N.O wind gezien een bark tonende de vlag van het College Zeemanshoop met Nr. 305, zijnde die van kapt. J. Schut, voerende het schip THEODORA EN SARA, van Amsterdam naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. H. Walker, van Papenburg naar de Oostzee, is volgens brief van Rendsburg van 13 april wegens het ijs te Holtenau uit zee teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: tjalk) de VROUW ALIDA, kapt. G.R. Kars, van Groningen naar Dantzig (opm: Gdansk) is op 9 april bij Hohwacht gestrand. (opm: zie PGC 050537)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen VROUW GELIDA, kapt. M.J. Louwerens, en SUSANNE HELENA, kapt. A.J. Rieke (opm: waarschijnlijk buitenlander), beide van Londen naar Amsterdam, zijn op 14 april te Harwich binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De te Pekela (opm: Nieuwe Pekela) thuisbehorende kof de TWEE GEBROEDERS, gevoerd geweest door kapt. H.J. Zeven, van Oudsoen naar Harlingen is, volgens brief van Yarmouth van 17 april, door een Engelse visser vol water en op de lading drijvend aldaar binnengesleept. (opm: zie RC 150437)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 17 april de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, en UNION, kapt. R. Winter, beide van Londen.
Den 19 dito het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, van Ipswich.
Den 20 dito het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, van Newcastle.
Den 22 dito het sloepschip CAROLINE, kapt. R. White, van Yarmouth, de schoenerschepen LIVELY, kapt. S.H. Finch en FAME, kapt. W. Barfield, beide van Londen.
Uitgezeild: den 18 april het kofschip de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, naar Noorwegen.
Den 19 dito het kofschip COURIER, kapt. N.M. Lindegaard, naar Havannah.
Den 21 dito de kofschepen JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, VRIENDSCHAP, kapt. B.J. de Boer, en de JONGE DIRK, kapt. H.E. Vos, alle vier naar Noorwegen.
Den 22 dito het kofschip CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, en het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J.J. Giersoe, beide naar Noorwegen; de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, UNION, kapt. R. Winter, beide naar Londen, en MAGNET, kapt. E.L. Cooper, naar Stokton (opm: waarschijnlijk Stockton-on-Tees).


26 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip ZEELUST, kapt. G.H. Kramer (opm: smak, buitenlander), van Harlingen naar Memel, is op 54º24´NB gezonken, doch het volk gered en de 18e april te Elseneur aangebracht door de kof ELISABETH, kapt. Hilbrand H. Pot, van Dordrecht naar Riga.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een tweedeks gekoperd fregatschip, varende onder
Nederlandse vlag, groot volgens meetbrief 165 lasten, voorzien van een complete
inventaris en liggende voor Amsterdam. Te bevragen bij de cargadoors Hoyman &
Schuurman aldaar.


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het gekoperde tweedeks barkschip POLLUX, kapt.. P. Huidekoper.
Adres bij Jan Corver en Co. en Arnaud en Co.
Batavia (via Rio de Janeiro). Het gekoperde tweedeks fregat HENRIETTE EN HENRI, kapt. Klaas Spiegelberg.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en De Vries en Comp.
Batavia. Het nieuw gebouwd gekoperd tweedeks fregat ADMIRAAL TROMP, kapt. P.J. Kerkhoven.
Adres bij B.D. Bosscher.
Batavia. Het gekoperde tweedeks brikschip DE ONDERNEMING, kapt. Rein Dekker.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip DINA MARIA, kapt. Albert Ahlers Jr.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het Nederlandse gekoperde tweedeks driemast galjootschip CATHARINA JACOBA, kapt. J.J. Brouwer.
Adres bij Hoyman en Schuurman en De Vries en Comp. of De Groot, Roelants en Comp. te Schiedam.
Suriname. Het Nederlandse kofschip DE ZWAAN, kapt. Cornelis Jans van Driesten.
Adres bij B.D. Bosscher.
New York. Het gekoperde tweedeks fregatschip WALCHEREN, kapt. Jacob Jansz.
Adres bij De Vries en Co.
New York. Het gekoperde tweedeks fregatschip JAPAN, kapt. P.H. Willers.
Adres bij Olivier en Comp. en Jan Corver en Comp.
New York. Het gekoperde tweedeks barkschip DE ZAANSTROOM, kapt. Pieter Pieterz. Middel.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Rio de Janeiro. Het gekoperde Nederlandse fregatschip HENRIETTE EN HEN HENRI, kap. Klaas Spiegelberg.
Adres bij De Vries en Co., Jan Daniels en Zonen en Arbman, Coopman en de Witt en Lenaertz en Hoyman en Schuurman.
Rio de Janeiro. Het gekoperde tweedeks fregatschip (opm: bark) HENRY EN WILLEM, kapt. Bröder Paul Martens.
Adres bij De Vries en Comp., Jan Daniels en Zonen en Arbman, Coopman en de Witt en Lenaertz en Hoyman en Schuurman.
Bilbao. Het Nederlandse kofschip MERCURIUS, kapt. J.C.R. Fonk.
Adres bij C.J. Grys en Zoon.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip LISETTE CAROLINE, kapt. Timmen Mennes Gnodde. Adres bij F. Smit.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip INDUSTRIE, kapt. P. van Duivenbode.
Adres bij C. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
Marseille. Het Nederlandse kofschip GESINA, kapt. P.. Muntendam.
Adres bij Van Ulphen en Ruys.
Aarhus. Het Nederlandse kofschip FORTUNA, kapt. T.A. Hansen.
Adres bij B.J. van Hengel.
Bremen. Het Nederlandse kofschip DE VROUW JOHANNA, kapt. Nonne T. Visser.
Adres bij Blikman en Comp.
Carlshamn. Het smakschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. D.J. de Groot.
Adres bij Henk Gullen.
Danzig. Het Nederlandse kofschip DE JONGE WILLEM, kapt. W.J. Mellema.
Adres bij wed Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Danzig. De Nederlandse smak DE VROUW HENDRIKA, kapt. L.K. de Jonge.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Flekkefjord. Het Nederlandse kofschip HOEPELLUST, kapt. L.E. Koning.
Adres bij Kranenborg en Zonen.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip HELENA JACOBA, kapt. B.J. Davids.
Adres bij wed. Jan Salm en Meyer.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip DE JONGE TJALLING, kapt. H.H. Mellema. Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip LEONORA, kapt. L. Müller.
Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip GEERTRUIDA HENDRIKA, kapt. E. R. Zoutman.
Adres bij Blikman en Co. Vertrekt vóór of op 27 april.
Hamburg en Altona. Het schip MARGRIETA, kapt. G.F. Rasker.
Adres bij J.C. van Oven.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip ELISABETH, kapt. H.J. de Jong.
Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip DE VROUW ZWAANTJE, kapt. G.O. Bakker. Adres bij J.C. van Oven.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip JACOBINA, kapt. Rente Jans Klunder.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip CATHARINA, kapt. H.G. Lever.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Koningsbergen. Het Nederlandse kofschip ONS GENOEGEN, kapt. Meint Douwes.
Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Kopenhagen. Het Nederlandse kofschip DE JONGE HENDRIK, kapt. Wopke Teunis Hitman. Adres bij da Costa en Bueno.
Lübeck. Het tjalkschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma.
Adres bij H. Gullen.
Pernau. Het Nederlandse kofschip SARA ANNA CORNELIA, kapt. A.H. Dijkhuis.
Adres bij Kranenborg en Z. en de wed. P. Poolman Jzn. en Zn.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip JOHANNA OTTILIE. Kapt. A.H. van Wyk.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, de Vries en Comp., F. Smit en F. der Kinderen.
Petersburg. De Nederlandse kof ANTONIA FRANCINE, kapt. R.H. Lutje.
Adres bij Kranenborg en Zn. en de wed. P. Poolman Jzn. en Zn.
Petersburg. Het Nederlands kofschip ROELFINA, kapt. H.A. Doewes.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip DE VLIJT, kapt. Jan Simons Bakker.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse gezinkte kofschip DE MAAS, kapt. P.J. Bakema.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman.
Rendsburg, Kiel en Flensburg. Het Nederlandse schip DE VROUW GESINA, kapt. A.W. Banting.
Adres bij J.C. van Oven.
Rendsburg, Kiel en Flensburg. Het Nederlandse schip Geertruida, kapt. J.J. Legger.
Adres bij J.C. van Oven.
Riga. De Nederlandse kof JEREMIAS, kapt. Sake Luitjes Stelllingwerf.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en J.W. Boekhout.
Riga. De Nederlandse kof JOHANNA HILLEGONDA, kapt. J.D. Flik.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Rostock. Het Nederlandse schipDE EENDRAGT, kapt. H. Drent.
Adres bij F. der Kinderen.
Stettin. Het Nederlandse smakschip JANTINA HENDRIKA, kapt. W.H. Ketelaar.
Adres bij H.A. Hespe.
Stockholm. Het schoenerschip ST. OLOF, kapt. E.M. Kruse.
Adres bij H. Gullen.
Stockholm. Het schoenerschip ALBERTINA, kapt. N. Backman.
Adres bij H. Gullen.


27 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 april. Door kapt. H.B. Esink, te Middelburg van Batavia gearriveerd, is onder anderen gepraaid den 19 dezer kapt. J. Tammes (opm: kof LEMMER), van Livorno naar Hamburg, zijnde een kof, de naam onbekend.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 april. Kapt. J.H. Hemming, van Cette (opm: Sète) in Texel binnen, heeft den 24 maart op 41º42’ N.B. 14º20’ W.L. van Greenwich, in goede staat gepraaid het schip de RHIJN, kapt. C. Brandligt, van Amsterdam naar de Kaap de Goede Hoop en Batavia, en den 19 dezer, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness), het schip (opm: kof) CLARA DOROTHEA, kapt. W.T. Fenenga, van Bordeaux naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 april. Kapt. E.E. Hoeksema, van Rio-Janeiro in Texel binnen, heeft, aan boord alles wel zijnde, den 17 dezer, de Sorlings (opm: Scilly Isles) 7½ mijlen N. ten W. van zich hebbende, gepraaid een driemastschip, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop met no. 339, zijnde die van kapt. J.N. Snijders, voerende het schip de RESOLUTIE (opm: fregat, ex-IDA ALEYDA, kapt. Johan Nicolaas Schnyder) van Amsterdam naar New-York,
en de kof de NIEUWE ONDERNEMING, kapt. L.K. Domeni, van Cette (opm: Sète) naar Amsterdam of Rotterdam, welke gered en aan boord had elf man der equipagie van de Engelse bark (opm: zie RC 020537), gevoerd geweest door kapt. R. Peel, welke gezonken en een man dier equipagie daarbij verdronken was (laatstgenoemde kof was, volgens de Lloydslijst, de volgende dag op de hoogte van Lezard [opm: Lizard]).
Voorts rapporteert kapitein Hoeksema, dat hij den 21 dito gepraaid heeft de Helvoetse loodsboot no. 8, welke hem aanwees twee schepen, van Amsterdam naar Batavia bestemd, onder de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) ten anker liggende, doch die destijds onder zeil gingen (waarschijnlijk de schepen de HANDEL MAATSCHAPPIJ (opm: fregat), kapt. W.H. Buykes, en SARA MARIA (opm: bark SARA EN MARIA), kapt. J.J. Reinhardt, beide van Amsterdam naar New-York en Batavia).


  RC - Rotterdamsche Courant

Vlaardingen, 22 april. Ten blijke dat de Vlaardingse vissers, die gedurende de winter onafgebroken de barre Noord Zee bevaren, tot uitoefening der beug- of kabeljaauwvisserij, wanneer zich daartoe gelegenheid aanbiedt, altoos bereid zijn om ook anderen nuttig te wezen, strekke het volgende:
Twee stuurlieden (opm: de benaming voor schippers van vissersschepen), heden van de Noord Zee alhier teruggekeerd, hebben 12 geredde schipbreukelingen medegebragt, waarvan de navolgende geconstateerde bijzonderheden de openbare vermelding verdienen.
De een, Jan Verwey, voerende de vishoeker de HARING- EN KABELJAAUWVISSCHERIJ, ontmoette op den 11 dezer, bij stormweer en zeer hoge zee, op 56½ graad noorderbreedte, het Engels brikschip PHOENIX, kapitein John Clarke van Newcastle, geladen met steenkolen en bestemd naar Koppenhagen, in een zinkende staat en noodseinen doende; hetzelve had reeds de stuurman en één matroos door koude en afmatting verloren, doch nog acht man overig aan boord; na kort beraad verliet gemelde stuurman Verwey zijn visserij en bleef zo na mogelijk bij het hulpeloze schip, opdat deszelfs manschappen met hunne sloepen bij hem aan boord zouden kunnen komen; doch nadat eerst de grote sloep tegen het schip verbrijzeld, daarna de fokkemast over boord geslingerd en het voorschip door de hoge zee aan stukken geslagen werd, dreef ook de kleine sloep met twee daarin zijnde matrozen weg en geraakte vol water; het gelukte toen aan stuurman Verwey en zijn manschappen, om hen met lijnen te bereiken, en alzo eerst die twee matrozen te helpen, en vervolgens, door het uitzetten van zijn eigen hoewel kleine boot (het enig reddingmiddel bij eigen gevaar op de hoekers), al de overige manschappen van het wrak af te halen en voor een gewisse dood te behoeden, waartoe de grootste stoutmoedigheid, met beleid en trotsering van levensgevaar, gedurende dertien uren, door stuurman Verwey, met zijn volk, vereist werd. (opm: zie RC 250437)
De ander, Teunis van der Borden, voerende de vishoeker de JONGE JOHANNES, ontmoette nagenoeg op dezelfde hoogte het kofschip CORNELIA, kapitein R.A. Oortjes, van Harlingen naar Drobak (opm: Drøbak, 59º39’ N.B. 10º39’ O.L.), in een zinkende staat, en redde van hetzelve op den 14 dezer, bij zeer hoge zee en stormachtig weder, met veel moeite en zelfsgevaar, (opm: zelfgevaar) vier manschappen van een wisse dood, alzo kort daarna, in het gezigt van allen, het kofschip is gezonken (opm: zie echter RC 220837).
Bij deze gelegenheid verdient ook wel herinnerd te worden, dat door stuurman Abram den Breems, gevoerd hebbende de Vlaardingse vishoeker de HOPENDE VISSCHER, en even als de eerstvermelde van J. Verwey toebehorende aan de Heren K. Dorsman en Zonen, in de stormen van 27, 28 en 29 december 1836, insgelijks vijf Maassluisse zeeloodsen van een gewisse dood zijn gered, alzo de schokker, waarop de loodsen zich bevonden, kort daarna op een der banken in de mond der Maas aan stukken stootte, en die manschappen verloren waren geweest zonder het kloek bestaan van Van den Breems, die, alle eigen gevaar vergetende, na zijn menslievende daad, in die storm het ongeluk had om zelf zijn schip op het strand te verliezen, doch met zijn manschap en de vijf geredde loodsen behouden aan wal kwam.
Dat onze landgenoten meermalen blijken hebben gegeven, dat het lot van de vissersstand hun ter harte gaat, zo zal zeker met genoegen vernomen worden, dat die stand, ook in Vlaardingen vooral, kloeke zeelieden en ware mensenvrienden oplevert, die in nood, waar zij kan of mag, aan evenmensen, onverschillig van welke landaard, gaarne hulp biedt, en zich daardoor de genoten weldadigheid niet onwaardig maakt.


28 april 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Kapt. J.K. de Jonge, voerende het kofschip DE HOOP, beladen met zink en balken, gedestineerd van Stettin naar Rouen, doch thans te Terschelling in averij liggende, verlangt ter dekking van zijn onkosten aldaar circa zestien honderd guldens, Nederlandse courant op bodemarij, tegen een billijke premie. Degenen, welke mochten genegen zijn, hem zulks te fourneren, adresseren zich ten spoedigste bij de notaris J. Reedeker te Terschelling.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip SEELUST (opm: ZEELUST), kapt. G.H. Kramer, van Harlingen naar Memel (opm: Klaipeda) is op 54º24’ NB gezonken, doch het volk gered en op 18 april te Elseneur aangebracht door de kof ELISABETH, kapt. H.H. Pot, van Dordrecht naar Riga.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Door de schipper van de Terschellinger loodsboot No. 7 is op 19 april, Vlieland ZZO 2 mijlen van zich hebbende, gepraaid een Hanoverse kof, van Londen naar Hamburg, welke kapitein hem rapporteerde dat twee in de nabijheid zich bevindende kleine kofschepen, zonder vlag, gevoerd wordende door de kapiteins Lucht, in ballast, en Schoon (opm: beide kapiteins waarschijnlijk buitenlander), met stukgoederen en beide mede van Engeland komende, waren, nadat van het ballastschip enige tuigage met een boot naar dat van kapt. Schoon geborgen was, het eerstgemelde, gevoerd door kapt. Lucht, des avonds omstreeks half acht was gezonken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris De Vries, te Augustinusga, zal op woensdag den 3 mei 1837, ten 3 ure na de middag, in de herberg van Oene van Kammen, te Kootstertille,finaal verkopen:
1. Een Huis en Erf, benevens een Scheepstimmerwerf cum annexis (opm: met toebehoren), staande en gelegen te Kootstertille, waarop is geboden de geringe som van NLG 600.
2. Een Huis en Erf, daarbij staande en gelegen, waarop is geboden de som van NLG 220.


29 april 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

De veiling van de schepen ORTELIUS en BORNEO, aangekondigd tegen den 27 dezer (opm: zie RC 180437), is uitgesteld tot den 2 mei a.s. (opm: vervolgens tot 9 mei).


  RC - Rotterdamsche Courant

Het stoomschip SURINAME (opm: marine), liggende op de helling te Vlissingen, is, als niet meer voor de dienst geschikt, ter sloping bestemd geworden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 april. Kapt. L.P. Meulenaere, van Rio Grande te Antwerpen gearriveerd, heeft den 11 dezer, op 49º N.B. en 10º W.L, gepraaid het schip MARIA, kapt. J. Ingeman, van Amsterdam naar Baltimore en Batavia, houdende met een N.O. wind om de West.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 april. Kapt. H. Hohorst, van New-York te Antwerpen gearriveerd, heeft op 43º N.B. en 56º W.L gezien een Hollands schip, tonende de Rotterdamse vlag met no. 78, koers zettende om de West.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 april. Het schip de BEURS VAN ROTTERDAM, kapt. C. van der Drift, na een reis van 77 dagen, den 17 maart van Amsterdam te New-York aangekomen, heeft zware stormen doorstaan, waardoor het schip en de tuigagie veel geleden hebben, de verschansingen weggeslagen, de beide stevens ontzet, en de fokke- en de grotemars raas gebroken, doch geschalmd en behouden zijn; men vreesde ook zeer voor schade aan de lading, hebbende veel water op het dek gehad.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In het begin van de volgende maand zal bij publieke vendutie verkocht worden het halve aandeel in het brikschip genaamd SONG GOAN, thans hernaamd INDRAMAIJOE, liggende ter rede alhier (opm: Batavia) en toebehorende aan de boedel van wijlen de Arabier Sech Alie bin Taddel. (opm: de brik INDRAMAIJOE,kapt. Samiela, arriveerde de 28e april ter rede Batavia, van Cheribon)


02 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 mei. Kapt. K.L. Domeni (opm: in RC 270437 met voorletters L.K.), van Cette (opm: Sète) te Helvoetsluis binnen, rapporteert den 11 maart, op 36º35’ N.B. en 9º55’ W.L. van Greenwich, gered te hebben de equipagie van de Engelse bark PENROS, kapt. T. Rogers, van Swansea naar de Middellandse Zee bestemd; den 11 april had eerstgemelde kapitein, door zware storm, één man van de geredde equipagie verloren en de overige negen manschappen den 20e te Falmouth binnengebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 mei. Het schip (opm: smak) NEPTUNUS, kapt. C.H. Kraanstuiver jr, is den 27 april, met een loods aan boord, van Amsterdam naar Hull vertrokken, doch bij het uithalen der schutsluis, door het omlopen van de wind, tegen een zogenaamde duc-d’alve (opm: dukdalf) gestoten hebbende, ten gevolge waarvan enige uren daarna een zware lekkagie ontdekt werd, de volgende dag te Amsterdam teruggekomen; moest lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 mei. Het schip (opm: kof) JANTINA ANNEGINA, kapt. H.G. Sap, van Amsterdam naar Stockholm, was den 16 april in goede staat zeilende bewesten Gothland.


  AH - Algemeen Handelsblad

Calais, 27 april. Het schip de NEDERLANDER, kapt. C. Hofker, van Amsterdam naar Suriname bestemd, is te Sangatte, circa 2 mijlen westwaarts van Calais, op strand geraakt. Men gelooft dat het schip af te brengen zal zijn indien het weder niet slechter wordt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNA MARIA CATHARINA (opm: kof VROUW ANNA MARIA CATHARINA), kapt. W.D. Kleininga, met haring uit Noorwegen naar de Oostzee, is volgens brief van Elseneur van 22 april, 3 mijl noord van daar gepraaid.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip JANTINA ANNEGINA (opm: kof JANTINA ANNECHINA), kapt. H.G. Sap, van Amsterdam naar Stockholm was op 16 april in goede staat zeilende bewesten Gotland.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de NIEUWE ONDERNEMING, kapt. L.K. Domeni, van Cette (opm: Sète) naar Amsterdam of Rotterdam, te Falmouth binnen, heeft op 22 april de reis vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen VROUW JOHANNA, kapt. S. Post, van Maassluis naar Arensburg, JOHANNA, kapt. D.P. Douwes en de VRIENDSCHAP, kapt. P.N. Huizing, beide laatste naar Hamburg, zijn op de rede teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de NIJVERHEID, kapt. E.E. Hoveling, van Amsterdam naar Guernsey, is op 21 april te Deal binnengelopen, doch heeft dadelijk de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de EENDRAGT, kapt. H. Drent, van Amsterdam naar Rostock, is volgens brief van Harlingen van 26 april, de vorige dag met nog vier tjalken, van Hamburg naar Amsterdam, te Ameland binnengekomen en in goede staat de haven van Harlingen voorbijgezeild.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Liverpool waren op 21 april bezig te laden, de schepen ANNA SIBERDINA (opm: kof ANNA SIEBERDINA), kapt. J.H. Ugen, voor Amsterdam en de VROUW CATHARINA, kapt. G.K. Wijkmeijer voor Dordrecht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Smakschipshol, groot plusminus 70 ton, liggende in de Noorderhaven, Noordzijde; te bevragen bij kapt. J.R. Schippers, op het kofschip CLASIENA MARGARETHA, te Groningen. (opm: KLASINA MARGARETHA; de smak werd verkocht voor de sloop)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 23 april het kofschip de HUNZE (opm: HUNSE), kapt. H.S. Ketelaar, van Liverpool, het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 24 dito het kofschip de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, van Noorwegen.
Den 26 dito het schoenerschip HOPE, kapt. W. Cousins, van Londen.
Den 28 dito de schoenerschepen FRIENDS, kapt. J. Manning, van Londen en SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Leith.
Uitgezeild: den 24 april de kofschepen de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth, naar Noorwegen en de 3 GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, op avontuur.
Den 25 dito de kofschepen ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, naar Hull en EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, naar Noorwegen.
Den 26 dito het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, naar Schotland.
Den 28 dito de kofschepen IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr en de WAAKZAAMHEID, kapt. J.K. de Weerd, beide op avontuur.
Den 29 dito het kofschip VRIENDSCHAP, kapt. W.J. Visser, naar Noorwegen; de schoenerschepen FAME, kapt. W. Barfield en FLORA, kapt. J. Manning, beide naar Londen; het sloepschip CAROLINE, kapt. R. White, naar Leith.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Deurwaarder S.P. Heijmans te Leeuwarden, zal op maandag den 8 mei 1837 des namiddags om 4 uren ten huize van IJ.D. Koopmans, kastelein op Vijversbuurt bij Leeuwarden verkopen: een zeer fraai en snelzeilend Jacht, genaamd de WATERGODIN, lang 5 el en 4 palm, met 2 stel zeilen, 2 masten, 3 fokken en verder toebehoren, zijnde gemeld jacht in een beste staat en zeer net met glad ijzer- en koperwerk beslagen; te bezigtigen op den dag van verkoop, op Vijversbuurt bij Leeuwarden. (opm: in LC 120537 werd de finale verkoop aangekondigd per 16 mei; op het jacht was tezamen geboden de geringe som van NLG 190)


03 mei 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 28 april. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip de ZEEMEEUW, kapt. T.C. Claus, de 30e december vertrokken van Amsterdam.


05 mei 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De tjalk HENDERIKA, kapt. J.T. Drent, met stukgoederen van Bremen naar Amsterdam, is volgens brief van Delfzijl, van 24 april, zwaar lek en met verlies van anker en touw, de beide zwaarden, zeilen enz, door twee vissersvaartuigen aldaar naar binnengebracht; moest lossen om te repareren. (opm: zie PGC 190537)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: mogelijk kof) CLOTILDE, kapt. G.H. Nagel (opm: kapt. Gerardus Hindriks Nagel), van de Pekela naar Dantzig (opm: Gdansk) op 25 maart naar zee gezeild, is in de ochtend van 4 april, bij zware storm uit het Oosten, op zijde geslagen en gezonken, zo dat de equipage ten getale van 7 man, benevens de vrouw van de kapitein (opm: Petronella Christina Strootman), zonder kleren of levensmiddelen, zich nauwelijks in de boot konden redden, waaruit dezelve een uur daarna, door een kleine Rostocker sloep (alwaar mede volstrekt gebrek aan proviand en water was) opgenomen en 5 dagen later in een loodsboot te Fahrsund aangekomen is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: tjalk) de VROUW ALIDA, kapt. G.R. Kars, van Groningen naar Dantzig (opm: Gdansk), bij Hohwacht gestrand (opm: zie PGC 250437), is weder vlot geworden en 22 april te Kiel binnengelopen, om te repareren.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van kapt. J.A. Bangma, voerende het schip de KINDERDIJK, van Rotterdam te New York aangekomen, d.d. New York 20 maart, had hij gedurende de reis aanhoudend stormweer gehad, waarbij de stuurman overboord geslagen en verdronken was. De bakboordslijzeilspieren weggespoeld, de voorsteng en mast gebroken en de bakboords verschansingen, met de stutten en potdeksels weggeslagen zijn, zodat veel water in het schip kwam en ook graan gepompt werd. Overigens was alles wel aan boord.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. N.K. Dijkhuis, voerende het schip REMKE (opm: kof, ex DE JONGE DOCHTER REMKE), van Amsterdam te Bahia in goede staat gearriveerd, meldt van daar van 18 februari, dat hij op 19 januari op 4º50’ N.B. 26º30’ W.L. in goede staat gepraaid heeft het schip CLAUDIUS CIVILUS (opm: fregat CLAUDIUS CIVILIS), kapt. W. Groen, 21 dagen reis hebbende van Amsterdam naar Batavia, aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (fregat) ELISABETH, kapt. F. Fokkens, van Batavia, Samarang, Soerabaya en Tjilatjap naar Rotterdam, is 15 februari te Kaap de Goede Hoop binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Op den 27 april zijn van Harderwijk te water naar Hellevoetsluis vertrokken 20 onder-officieren en manschappen, onder bevel van de van verlof terugkerenden kapitein Jakson (opm: Jackson?), begeleid wordende door de 2e luitenant Kuijk en de officier van gezondheid derde klasse E.A. Lange, om van daar, met het schip HOLLAND, na de kust van Guinea te hebben aangedaan, naar Java te worden overgevoerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Deurwaarder S.P. HEIJMANS zal na geregterlijke autorisatie eerstdaags verkopen ten overstaan van een bevoegd Beambte: de gedeeltelijk afgewerkte Scheepstimmerschuur met Woonhuizinge cum annexis (opm: met toebehoren), staande en gelegen op Snakkerburen onder Lekkum. (opm: zie LC 090637)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Publieke verkoping te Emden: donderdag den 11 mei 1837 van 300 vaten Marijland Tabak 44/1 en 9/2 Vaten Carolina Rijst, 18 blokken Mahoniehout, dezer dagen direct aangebragt van Baltimore, per het schip AMALIA, kapt. Claas Toelders.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Op woensdag den 10 mei 1837 des namiddags ten 2 ure, zullen wij op de Beursen-Zaal, op order van de Heer P.J. ABEGG, navolgende met het schip DIANA, kapt. Jannes Oortgiese, direkt van Baltimore aangebragte Goederen, openlijk meestbiedend, verkopen 77 vaten Marijland-Tabak, oude goede en aanstonds ter fabricatie gekwalificeerde waar, 22 vaten Carolina rijst, in vaten van circa 700 ½ Ned. ponden, 14 Vaten Carolina-Rijst in vaten van circa 230 ½ Ned. ponden, 5 Vaten Amerikaanse Potas, alles op porto franco en in entrepot liggende. Nadere onderrigting bij de Makelaars.
Emden, 26 April 1837, Joh. Hinr. Muller en H.J. Bouman


06 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Parijs, 3 mei. De koning heeft een bijzondere audiëntie verleend aan de heer John Cockerill, die, zoals bekend is, een nieuw plan van een ijzeren spoorweg van Parijs naar Brussel met een zijtak naar Calais gemaakt en aan het Frans Gouvernement aangeboden heeft.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 mei. Het schip (opm: hoeker) de NEDERLANDER, kapt. C. Höfker, van Amsterdam naar Suriname, bij San Gath (opm: Sangatte, 7 km WzW van Calais) gestrand, is, volgens brief van Calais van den 29 april, die dag weder af en te Calais ter rede gebragt; de lading, van welke 60 à 80 vaten over boord geworpen waren en op strand verkocht zouden worden, scheen in goede staat te zijn en ook het schip niet veel geleden te hebben, daar het geheel digt is gebleven en met de vloed in de haven zou halen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 mei. Kapt. J. Barkenteyn, van Konstantinopel (opm: Istanbul) te Antwerpen gearriveerd, heeft den 17 april op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point) gepraaid het schip ANJER, kapt. L. Hawich (opm: brik, kapt. L. Hawegh), van Rotterdam naar Batavia, en den 19 dito op de hoogte van Dungeness het schip ROSALIE, van Batavia naar Amsterdam, hebbende een zeer lange reis (vermoedelijk het schip ELIZABETH [opm: fregat ELISABETH], voorheen ROSALIE, kapt. F. Fokkens, van Batavia naar Rotterdam).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 mei. Uittreksel uit Lloydslijst van 2 mei: te Ramsgate met adsistentie binnengebragt MARGARETHA, Mulder, van Amsterdam naar Batavia, lek en met verlies van ankers en kabels, hebbende op de Goodwin (opm: Goodwin Sands) gezeten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H. Montauban van Swijndregt, F. van Dam en F.N. Montauban van Swijndregt, makelaars te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag den 16 mei 1837, des n.m. ten 4 ure, in het locaal op de hoek der Scheepmakershaven en Bierstraat, wijk A, No. 458, te veilen: het Nederlands gebouwde Kofschip genaamd de JONGE MARTINUS, gevoerd wordende door kapt. J.R. de Boer, volgens meetbrief lang 20,30 el, wijd 3,98 el, hol 2,04 el, en alzo groot 39 lasten, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere inventaris.


07 mei 1837


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Brielle (opm: geen datum). Het stoomschip ESTAFETTE (opm: de latere AMSTEL van de Amsterdamsche Stoomboot Maatschappij), dat op de bank heeft gestoten, heeft twee man van haar bemanning verloren. Vanochtend is het vlotgekomen en heeft het zijn reis vervolgd.


08 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 6 mei. Laatstleden woensdag (opm: 3 mei) is op de werf De Hoop met het beste gevolg van stapel gelopen het fregatschip OOST-INDIË, gebouwd door de scheepsbouw-meesters J. Meijjes & Zoonen voor rekening van de heer J.P. Jannette Walen, hetwelk gevoerd zal worden door kapt. G. Blom, zullende voor rekening van diezelfde heer weder een kiel gelegd worden van een fregatschip (opm: LUCIA MARIA), hetwelk gevoerd zal worden door kapt. H. Wente.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip DEBORA, kapt. R.S. Oldendorp, van Livorno naar Amsterdam, is volgens brief van La Coruña van de 19e april, na de 4e dito op 48º40’NB 06º08’WL een hevige orkaan doorgestaan te hebben, de 12e dito zwaar lek en met verlies van zeilen en andere schade aldaar binnengelopen. Men was bezig met het lossen der lading, welke mede zwaar beschadigd werd bevonden.


09 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Zaterdag (opm: 6 mei) is alhier van stapel gelopen het schoenerbrikschip SYLPH, gebouwd door de scheepsbouwmeesters De Jongh, Kortlandt en Anthony.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Woensdag (opm: 3 mei) zijn te Amsterdam met het beste gevolg te water gelopen het fregatschip SCHOON VERBOND, groot circa 500 lasten, van de werf Het Eiland Terschelling, en het fregatschip OOST-INDIËN, van de werf De Hoop; zullende op laatstgemelde werf weder een kiel gelegd worden voor een fregatschip (opm: LUCIA MARIA).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Den 6 dezer arriveerde in de Maas l’ESTAFETTE (opm: de latere AMSTEL van de Amsterdamsche Stoomboot Maatschappij), kapt. E. Perre, van Duinkerken, zijnde in de Bank vastgeraakt; met het uitbrengen van een anker is de jol omgeslagen, waardoor twee manschappen zijn verongelukt, zijnde twee anderen door een jol met zes binnenloodsen gered; de volgende morgen is de stoomboot vlot geworden en opgevaren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Kapitein D. van der Valk, den 1 dezer van Lissabon te Helvoetsluis binnen, heeft den 28 april, op 50º03’ N.B. en 03º50’ W.L. gepraaid een driemast schip, tonende de vlag van het Collegie “Zeemanshoop” met no. 248, zijnde die van kapt. L.A.J. Boulet (opm: voerende het fregat DE PLANTER), van Amsterdam naar Batavia gedestineerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Van Texel meldt men den 3 dezer, dat een schip of brik de vorige nacht op de Noorderhaaks gestrand en verbrijzeld en de equipagie hoogstwaarschijnlijk daarbij verdronken is; van de lading was aldaar aangespoeld een partij losse amandelen, benevens 50 pijpen Madera of Teneriffe wijn, sommigen gemerkt B en anderen P, waarvan enigen door schuiten waren geborgen, als ook enige tuigagie en wrakhout, waaronder een gedeelte van een sloep, waarin met vergulde letters: MARIA, Dundee, Alexander M. Harrow.
Van Enkhuizen wordt dienaangaande van den 2 dezer gemeld, dat van dezelve lading enige fusten rum in de Zuider Zee drijvende waren, en hoogst vermoedelijk door aldaar en te Urk thuis behorende vissers zouden worden opgevist.
Volgens nader bericht is het schip genaamd geweest MARIA OF DUNDEE, kapt. Alexander M. Harrow, komende van Port-Oratava of Teneriffe en naar Hamburg gedestineerd; beladen met wijn en amandelen, waarbij de kapitein en de gehele equipagie zijn verongelukt. (opm: zie RC 110537)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Het schip de GOEDE HOOP, kapt. R.S. Pinksterboer, was op den 27 april te Liverpool bezig met een lading voor Amsterdam in te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Kapt. C.W. Flens, voerende het schip DE VRIENDEN, van Batavia, Samarang. Soerabaya en Banjoewangi in Texel binnen, rapporteert, dan den 11 januari met hem van Banjoewangi zijn vertrokken de schepen SUSANNA, kapt. D. Grim, en de VIER GEBROEDERS, kapt. B.C. Jaski, beide mede naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 mei. Uittreksel uit Lloydslijst van den 5 mei: de ZEEMANSHOOP, van Batavia naar Amsterdam, is den 21 maart gepraaid op 7º N.B. en 26º W.L.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Naar Batavia in lading om ten spoedigste te vertrekken, het nieuw gebouwd en gekoperd twee-deks fregatschip KONING DER NEDERLANDEN, gevoerd door kapt. G.W. van Barneveld Kooy, hebbende zeer ruime hutten en gemakkelijke inrichtingen voor passagiers en voerende een bekwaam scheepsdokter. Te bevragen bij de cargadoor B.D. Bosscher op de Buitenkant, No. 26, of bij de kapt. aan boord van het schip liggende in het Westerdok.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 30 april 1837 het schoenerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, van Londen.
Den 2 mei de kofschepen MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, beide van Noorwegen.
Den 4 dito het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, van Newcastle.
Den 5 dito het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Sunderland.
Den 6 dito het kofschip ZEELUST, kapt. R. Sluik, van Noorwegen; de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin en UNION, kapt. R. Winter, beide van Londen.
Uitgezeild: den 3 mei het kofschip DE GOEDE WELVAART, kapt. J.G Vos, naar Noorwegen.
Den 7 dito de schoenerschepen HOPE, kapt, W. Cousins, LIVELY, kapt. S.H. Finch, en FRIENDS, kapt. J.Manning, alle drie naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris F.IJ. de Boer, te Makkum, zal op dïnsdag den 16 mei 1837, des morgens ten 10 ure, bij de Scheepstimmerwerf van de Heer Brouwer aan de Groote Zijlroede te Makkum, in het openbaar bij boelgoed en tegen gerede betaling presenteren te verkopen: een scheepslading Hout bestaande uit groot 500 stuks nieuwe grenen Delen ter lengte van 4 el en 2 palm, breedte 23 duim en dikte van 5 - 7 en 8 duim, allen van de beste kwaliteit, benevens enig Rondhout en 2 tonnen met Pik, aldaar aangevoerd van het eiland Ameland, door de Koopman J. Duif.


10 mei 1837


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op woensdag de 31e mei 1837 zal door vendumeesteren, ten overstaan van een commissie uit de Raad van Justitie te Batavia, krachtens appointement condemnatoir van die zelfde Raad d.d. 27 april 1837, ter instantie van Reinier van Eibergen Santhagens, in hoedanigheid als directeur der Oost-Indische Zee- en Brand-Assurantie Maatschappij, bij executie worden verkocht het Nederlands-Indisch schip GENERAAL CHASSÉ met diens inventaris, toebehorende aan W. Mackenzie, hebbende twee dekken en drie masten, gebouwd te Dassoon, lang 31,20 meter, breeds 7,38 meter, diep 4,22 meter, berekend te zijn groot 149 lasten.
Indien er iemand mocht zijn, die enig recht, actie of toezegging op voornoemd ship zou willen pretenderen en zich opponeren tegen gemelde executie en verkoping, die kome en make het mij ondergetekende bekend.
De deurwaarder bij de Raad voornoemd, Wasmus


  JC - Javasche Courant

Batavia, 6 mei. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark LOUISA, kapt. S. Ledoux, met een passagier, de 22e maart vertrokken van Macao.


11 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. De te Delft aanwezige Rijks IJzergieterij zal een aanmerkelijke uitbreiding en verbetering ondergaan, waartoe door het Departement van Oorlog de nodige aanbesteding tot het bouwen der daartoe vereiste localen als anderszins zal worden gedaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. De Javasche Couranten tot den 7 januari behelzen onder meer hetonderstaand bericht:
De gouvernements ijzeren stoomboot HEKLA, die, gelijk vroeger vermeld is, op ’s Lands Werf te Soerabaya werd ineen gezet, is op den 24 december jongstleden behoorlijk en in goede staat te water gebracht, en bevonden een gemiddelde diepgang te hebben van nagenoeg 1½ voet Engelse maat. Men gist dat die diepgang niet meer dan 2 voeten zal zijn, nadat het vaartuig voor de actieve dienst uitgerust, gewapend, toegetuigd en bemand zal zijn, met welk een en ander men zich thans onledig houdt. (opm: zie ook ZZC 100738)


  RC - Rotterdamsche Courant

Volgens de Javasche Courant van de 4de tot de 7e januari lagen te Batavia ter rede Zr.Ms. fregat DIANA en brik ORESTES, civiele schoeners POSTILLON, VLIEGENDE VISCH en CALYPSO, Nederlandse schepen DE STAD AMSTERDAM, de IJSTROOM, JAVA’S WELVAREN, de DRIE MARIA’S, HELENA, BARON VAN DER CAPELLEN, GRACE, JACOB CATS en ATYE TORACHMAN, brikken la LUCILLE, HARRIET, PATRIOT, CLEMENTINE, TWEE GEBROEDERS, TWEE GEZUSTERS, NIJVERHEID en ROTTESTROOM, barken JADUL KARIM, SUMANAP, POLLUX, NEDERLANDER, ANTOINETTA MARIA, ANNA AUGUSTINA en ZEELUST,
schoeners AUGUSTE, NASRIE, HAPSOEN, GOANSOEN, CAROLINA en PAUL, kotter TOLERANTIE, Engelse schepen LORD LYNDOCH en PATRIOT KING, brik ISABELLA en Hamburgs schip SOPHIE.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen de ‘s GRAVENHAGE en PAULINE naar Soerabaya.
Van Samarang is naar Batavia gezeild het Nederlandse schip SUMATRA.
Den 29 december 1836 lagen ter rede van Soerabaya lagen ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip WILLEM DE EERSTE en HEKLA en brik SIWA, schoeners SIREEN, JANUS, CASTOR en ANEDYOMENE, Nederlandse schepen SINGAPOERA, DE VRIENDEN, MASTORA, JOHANNA FREDERIKA, LOUISA, VASCO DA GAMA, NEPTUNUS, WILLEM ERNST, MARY EN HILLEGONDA en PLEIADES, brikken MINERVA, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken le CHARLES, JANE, KALIMAAS, JOHANNA WILHELMINA, FATAL KARIEM en VILLA, schoeners SRIE BANDAN, DRACKE, SINGBRE, CORINGA, BABERASA en JOHANNA CHARLOTTA, pantjallang BESIE en Engels schip EGYPTIAN.
Van Soerabaya is gezeild het Nederlandse schip ZUID-HOLLAND over Passaroeang naar Nederland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Den 9 dezer zeilde van Maassluis de JONGE TJERK GIEZEN, L.T. Sok, naar Libau (opm: Liepaja).
Van Maassluis wordt den 10 dezer gemeld, dat de kapiteins Schuur (opm: AGATHA) en Sok bij de Hoek ten anker gekomen zijn. De wind N.W. (opm: beide waren 11 mei terug op de rede)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Kapt. J. van der Linden, van Batavia te Helvoetsluis binnen, rapporteert, dat met hem den 8 januari van Batavia is vertrokken de brik ROTTESTROOM, kapt. Deuling, en den 13 februari, in de Indische Oceaan, gepraaid te hebben de Nederlandse brik CLARA HENRIETTE, kapt. H. Blokziel, en den 6 mei op de hoogte van Douvres (opm: Dover) ADMIRAAL TROMP, kapt. P.J. Kerkhoven, met Zr.Ms. troepen, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Het schip op de Noorderhaaks verongelukt (bevorens gemeld [opm: RC 090537]) is gebleken te zijn te te Dundee thuis behorende brik MARIA, kapt. Alexander M. Harrow.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Het schip de JONKVROUW MARIA, kapt. J.H. van Wijk, van Amsterdam naar de Oost Zee, is den 12 april te Nye-Hellesund binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. De kof LISETTE CAROLINE, kapt. T.M. Gnodde, van Amsterdam naar Bordeaux, is den 1 dezer, aan boord alles wel zijnde, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gepraaid door de Texelse loodsschipper Tjalling Griek, voerende de Loodsschuit no. 2.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 mei. Volgens brief van kapitein Guyt, voerende voor kapt. J. Haasnoot het schip HOOP EN VERWACHTING van Amsterdam naar Bayonne, in dato op de hoogte van de Singels den 22 april, was het schip bij dikke mist door een driemast-galjoot aangezeild geworden, waardoor de stuurboordboeg ontzet geworden, boven water een gat in het schip gestoten en meer andere schade veroorzaakt was, hetwelk men echter zo veel doenlijk voorzien had, om bij behouden aankomst verder te repareren.


12 mei 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zr.Ms. oorlogsfregat ALGIERS, kapt.-luitenant H.F. Tengbergen, is op 5 mei, in goede staat zeilend en aan boord alles wel zijnde, gepraaid door de Texelse loodsschipper Y. Metselaar, voerende de loodsschuit No. 1, hebbende Egmond 4 mijl ZO van zich (opm: zie RC 150437).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) de JONKVROUW MARIA, kapt. J.H. van Wijk, van Amsterdam naar de Oostzee, is op 12 april te Nye Hellesund binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te Liverpool waren op 3 mei bezig met de lading de schepen (opm: koffen) LUCAS EN WICHER (opm: LUKAS WICHER), kapt. J.J. de Jonge voor Amsterdam en de MARIA BEERTA, kapt. K.A. Tap, voor Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) WILLEM, kapt. H.W. Kiers, van Amsterdam naar Droback, is op 18 april te Nye Hellesund binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HENDRIKA, kapt. W.J. Drewes, van Hamburg naar Lübeck, is op 4 mei en de MIJN GENOEGEN (opm: hektjalk), kapt. A.G. Veenstra, van Hamburg naar Greifswald op 7 mei te Cuxhaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ter rede van Batavia lagen op 6 januari Zr.Ms. oorlogsfregat DIANA, de brik ORESTES en de civiele schoeners PORTILLON, VLIEGENDE VISCH en CALYPSO.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris J. Albarda Hz, te Leeuwarden, zal, ten verzoeke van Mr. C.J. van der Veen, Procureur aldaar, op donderdag den 25 mei e.k, des avonds ten 7 ure, ten huize van B.J. Brouwer, in het Schippershuis op het Vliet bij Leeuwarden, publiek en provisioneel ter verkoop aanbieden: een Potschip met zeil en treil c.a, genaamd de NIEUWE AANLEG, lang ruim 10 el, hoog en wijd naar advenant, thans in gebruik bij Jan Jelkes Albertema.
Nadere informatiën bij de kastelein B.J. Brouwer voornoemd. (opm: in LC 300537 werd de finale verkoping aangekondigd per 1 juni; op het schip was NLG 190 geboden)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt Praamschip, met zeil en treil, genaamd MALTHA, lang 15 el 53 streep, wijd 3 el 692 streep, geschikt om te schulpen (opm: op schelpen te vissen) of ballasten; te bevragen bij de Weduwe L. Verwer, te Sneek.


13 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 mei. Kapt. Johannes Tammes, van Livorno te Hamburg gearriveerd, meldt van daar van den 5 dezer, dat hij den 6 april op 48º24’ N.B. en 7º54’ W.L. gezien heeft een brik, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop, met nr. 101, zijnde die van kapt. J.T. Visser, voerende de brik ALIDA, van Amsterdam naar Havana, en den 15 dito, op 49º42’ N.B. en 4º20’ W.L. een brik, tonende de Dordrechtse Collegie-vlag met no. 14 of 24 (hoogstwaarschijnlijk 24) zijnde die van kapt. P.M. Vogelzang, voerende de brik de DANKBAARHEID, van Dordrecht naar New-York.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 11 mei. Heden is hier aangekomen de Nederlandse brik ELIZA, kapt. S.G. Molenaar, de 26e januari vertrokken van Rotterdam.


16 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Kapt. D.H. Hazewinkel (opm: schoenerkof MERWEDESTROOM) rapporteert den 10 dezer op de hoogte van Folkestone gezien te hebben een barkschip, tonende de Amsterdamse nummervlag met 270, zijnde die van kapt. J.G. Visser.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Door de loodsschipper A. van Santen, voerende de loodsboot no. 2, is op de hoogte van Goedereede gepraaid een kof, tonende de Amsterdamse vlag no. 175 (opm: kof OUDE WERF, kapt. Jan Harms Jonker), van Port-à-Bouc naar Hamburg gedestineerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Het schip (opm: kof) de JONGE IDA’S, kapt. R.R. Keizer, met kaas, vijlen (opm: mogelijk worden vijgen bedoeld) en drogerijen van Amsterdam naar Bayonne, is, volgens brief van daar van den 3 dezer, den 1 dito bij Boucau aan de noordhoek van de baar van Bayonne aan de grond geraakt; de lading is in afgezonden lichters geborgen en die dag te Bayonne aan de geconsigneerden afgeleverd; het schip had niets geleden en zou met de vloed weder afgebragt worden. (opm: zie RC 030637)


  AH - Algemeen Handelsblad

Southampton, 3 mei. Een schip, beladen met fruit, te huis behorende te Rotterdam, is gisteren op 18 mijl noord-west van Bevesier, zonder volk, op zijde drijvende gezien.


17 mei 1837


  JC - Javasche Courant

Besluit van de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indie.
Bij uitlegging of ampliatie der bestaande wetten op de scheepspapieren wordt bepaald, dat voortaan voor Europees getuigde vaartuigen beneden de 10 lasten of koijangs groot, geen zee-brieven zullen worden verleend, maar dat dezelve zullen kunnen varen op jaarpassen, ingericht zo als de jaarpassen voor inlands getuigde vaartuigen met de nodige verandering in de bewoording en overigens onder al zulke bepalingen als ten aanzien van laatstgemelde passen in werking zijn.
Buitenzorg, 10 mei 1837, no. 1, de waarnemend algemeen secretaris Cornets de Groot.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 13 mei. Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, de 26e januari vertrokken van Rotterdam, en het dito schip NEERLANDS KONING, kapt. M. Schaap, met een aantal passagiers, de 26e januari vertrokken van Rotterdam.


18 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Den 16 dezer, des morgens, zeilde uit de Maas de BATAVIER (opm: stoomboot in geregelde lijndienst op Londen), kapt. D. Dunlop, naar Londen, doch is door de hoge zee terug gekomen en naar Helvoetsluis opgezeild; de wind N. (opm: 16 mei ’s middags alsnog uitgezeild)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Kapt. J.A. Witzen, van Batavia in Texel binnen, heeft den 4 dezer op de hoogte van Wight in goede staat gepraaid het schip KLASINA ADRIANA (opm: bark CLASINA ADRIANA), kapt. A.P. Havinga, van Amsterdam naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Kapt. J. Andresen (opm: fregat SOPHIA MARIA), van Suriname in Texel binnen, heeft den 8 dezer, op 49º N.B. en 6º39’ W.L. van Greenwich, gezien een schip tonende de vlag van het Zeemanscollegie Zeemanshoop, met nr. 28, zijnde die van kapt. P.H. Willers, voerende het schip JAPAN, van Amsterdam naar New-York.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Het schip (opm: tjalk) de VROUW HENDRIKA, kapt. H.E. Boswijk, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam, is, volgens brief van Elseneur (opm: Helsingör) van den 9 dezer, bij het eiland Bornholm aan de grond geraakt, doch, na een gedeelte der lading gelost te hebben, met hulp weder vlot geworden; geheel digt gebleven zijnde, had het onverwijld de reis voortgezet en was sedert ter rede van Elseneur aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 mei. Van Southampton wordt gemeld, dat den 2 dezer, hebbende Bevesier (opm: Beachy Head) ten N.W.t.W. van zich, drijvende gezien is een geheel op zijde liggend te Rotterdam thuis behorend schip, beladen met fruit.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie.G. Mauritz, O.J. van Wageningen, E. Boonen, J. Boonen, H. Vriesendorp en J.P.M. Boonen, makelaars te Dordrecht, zijn voornemens, als last hebbende van hunne Principalen, publiek, bij opbod en afslag, te verkopen, op maandag den 22 mei 1837, des middags ten 12 ure, in het logement de Gouden Leeuw, bij de Vuilpoort: het Nederlands gebouwd, in den jare 1836 nieuw gezinkt schoener Kofschip DE ZEEMEEUW, laatst gevoerd door kapt. Jan J. van Driesten, lang 25,86, wijd 4,72, hol 2,73 ellen en alzo groot volgens meetbrief 148 tonnen, met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen, verdere gereedschappen en behoeften, zo als hetzelve schip thans te Dordrecht, in de Wollewevershaven, is liggende.
Nadere onderrigting te bekomen bij de scheepsmakelaar J.B. ’t Hooft te Dordrecht, of bij bovengenoemde makelaars.
(opm: het schip, bouwjaar 1828, werd aangekocht door G. van Hoogstraten & Zoon, Dordrecht; nieuwe naam ANTHONY, nieuwe kapitein E.H. Mugge)


19 mei 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zr.Ms. transportschip DORDRECHT, kapt.-luitenant Koops, van Helvoet naar Suriname en Curaçao, was op 10 mei op de hoogte van Dungeness.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Bekendmaking. Op Rechterlijke authorisatie en ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte zal er woensdag 24 mei 1837, des voormiddags te 11 uur, ten huize van mej. de Wed. J.A. Smaal te Delfzijl, bij contant geld, publiek worden verkocht: koffie, cacao, thee, waid of pastel, tabak (in soorten) en 160 dozijn witte en blauwe linnen en katoenen kousen en sokken en 8 kisten sigaren. Deze goederen zijn gelost uit het met zeeschade binnengelopen schip HENDRIKA, kapt. J.T. Drent (opm: zie PGC 050537).
De goederen zijn te bezichtigen bij de scheepscommissionair T.A. van der Werff te Delfzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Avertentie. Uit de hand te koop: een welbezeild Kofscheepje, lang over steven 6 el 8 palm, wijd over de berghouten 1 el 9 palm, en hol op zijn uitwatering 1 eI, met roef, ronde luiken en van een goede inventaris voorzien; thans liggende te Grouw, en is te bevragen bij de scheepstimmerbaas Johs. C. Sjollema, aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te huur om dadelijk te aanvaarden: een royale Scheepstimmerwerf, bestaande uit twee Sleephellings en een grote en zeer hechte Timmerschuur met pannendak, alsmede een à twee Woonhuizen en het daarbij behorende ruime Erf, met Boomgaard, Vruchtbomen cum annexis, alles geschikt en bij elkander, staande en gelegen aan het Kolonelsdiep bij Kootstertille.
De gegadigden vervoegen zich ten spoedigste bij de Griffier Feringa, te Augustinusga, die op aannemelijke voorwaarden zal handelen.


20 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 mei. Den 18 dezer arriveerde te Helvoetsluis WENDELINA (opm: kof), H.J. Mulder, van St. Maarten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 mei. Den 14 dezer is door loodsschipper G. Molenaar op de hoogte van Terschelling gepraaid ALIDA EN LUCAS (opm: smak), H. Rentes, naar Rouaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 mei. Het schip ELLIDA, kapt. J.G. Klein, van Amsterdam naar Krageroe, is den 22 april op de Risterbank (opm: mogelijk bank bij Risør) binnengelopen.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op vrijdag de 26e mei 1837 ten 11 ure precies, zal voor het commissiehuis van Bedier & Zoon worden verkocht het barkschip LOUIZA, met diens complete inventaris.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In het begin der volgende maand zal op een nader door het Vendukantoor te bepalen dag publiek worden verkocht de onder Nederlandse vlag varende brik PATRIOT met diens inventaris, zo als dezelve thans te dezer rede is liggende, zijnde de stukken ter inzage van gegadigden gedeponeerd bij het Vendukantoor te Batavia.
Batavia, 19 mei 1837, Van Dasten q.q., T.H. Zimmerman q.q.
(opm: geen Europese Nederlander, vermoedelijk N.O.I; volgens JC 030637 zal de verkoping op 7 juni 1837 ten 11 ure, voor het commisiehuis van E.S. Voute & Co. plaatsvinden)


22 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Vrijdag (opm: 19 mei) is te Amsterdam met het beste gevolg van stapel gelopen het fregatschip (opm: volgens de bijlbrief en de zeebrief een bark) DECIMA, gebouwd op de werf De Witte Olyphant, door de scheepsbouwmeesters Jerems. Meijjes en Zoonen, voor rekening van de heren N. van Walree en C.H. de Vos, welk schip gevoerd zal worden door kapt. K.J. Bolhuis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Kapt. H.G. Sipsma, voerende het Nederlands kofschip NEPTHUNIS, van St. Martin te Dordrecht gearriveerd, rapporteert gepraaid te hebben den 16 dezer, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness), kapt. J. Spanjersberg, voerende het Nederlandse schoener hoekerschip de VROUW MAARTJE, van Amsterdam naar Baltimore, en den 17 dezer kapt. B.H. Kuiper, voerende het Nederlands kofschip WEBBINA, van Croisic (opm: Le Croisic, 47º17’ N.B. 02º30’ W.L.) naar Bergen; de wind O, stijve koelte, aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Volgens bericht van Batavia, van den 23 januari laatstleden, was aldaar daags tevoren bericht ontvangen van kapt. J.J. Kortrijk, voerende het fregatschip GENERAAL BARON VAN GEEN, dat hij van Anjer zeilende was, en werd alzo ieder ogenblik te Batavia gewacht; gemelde bodem, van Dordrecht naar Batavia bestemd, was den 21 oktober van Helvoetsluis gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. In Texel binnengekomen O. Holst van Bergen; deze is bij het naar binnen zeilen bij de tweede ton in het Gat aan de grond geraakt, heeft aldaar zwaar gestoten, doch is met behulp van sloepen en manschappen weder in vlot water en in het Nieuwe Diep gebragt, zullende na het lossen der lading moeten kielen, om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 mei. Het schip (opm: kof) de JONGE DIRK, kapt. H.E. Vos, met hout uit Noorwegen naar Harlingen, zat, volgens brief van daar van den 19 dezer, in het gezigt dier haven aan de grond.


23 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

New York, 24 april. Een Nederlandse brik, die in de haven van Matyalan (Golf van California) (opm: mogelijk wordt Mazatlan bedoeld) lag, is de 16e februari in brand geraakt en tot op het water afgebrand. (opm: brik FLORA, zie RC 290637)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNEGINA SOPHIA, kapt. H.P. Heeres, met pijpaarde enz. van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin), is, volgens brief van Harlingen van 19 mei, de vorige dag aldaar als bijlegger binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de JONGE DIRK (opm: JONGE DERK), kapt. H.E. Vos, met hout van Noorwegen naar Harlingen, zat volgens brief van daar van 19 mei, in het gezicht der haven aan de grond.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip IJNSKE (opm: kof JUFFER YNSKE), kapt. Sappo Kramer, van Port-à-Port (opm: Oporto), gedestineerd naar Riga, is op 12 mei gepraaid in het Nauw van de Hoofden (opm: Nauw van Calais), door kapt. J.F. de Boer, voerende het schip GEZIENA, op 24 mei van Liverpool te Groningen gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Uit Constantinopel (opm: Istanboel) wordt van 26 april gemeld: het Nederlandse schip (opm: kof) STAD EN LANDE, kapt. T.D. Leeuw, is 22 april alhier voorbij gevaren, komende van Odessa en bestemd naar Algiers.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 8 mei 1837 het kofschip GEZINA, kapt. B.A. Visser, van Noorwegen.
Den 10 dito het schoenerschip MINERVA, kapt. L. Ellefsen en het kofschip ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, beide van Noorwegen.
Den 11 dito het kofschip de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, van Noorwegen.
Den 12 dito het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, van Stokton (opm: waarschijnlijk Stockton-on-Tees)..
Den 13 dito het schoenerschip FAME, kapt. W. Barfield, van Londen.
Den 14 dito de schoenerschepen HERO, kapt. W.S. Howard en FLORA, kapt. J. Manning, beide van Londen, het kofschip ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, van Noorwegen.
Den 15 dito het kofschip IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, van Noorwegen.
Den 16 dito het smakschip JETSKE CORNELIA (opm: JETSKA CORNELIA), kapt. K.E. Vos, de kofschepen WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder en de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, alle van Noorwegen.
Den 17 dito de kofschepen de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra en WILLEM, kapt. H.W. Kiers, beide van Noorwegen.
Den 18 dito de kofschepen ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, VRIENDSCHAP, kapt. B.J. de Boer en JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, alle drie van Noorwegen.
Den 19 dito het kofschip de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, van Noorwegen, de schoenerschepen LIVELIJ, kapt. S.H. Finch en HOPE, kapt. W. Cousins, beide van Londen.
Den 20 dito het schoenerschip FRIENDS, kapt. J. Manning, van Londen; het kofschip CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, van Noorwegen.
Uitgezeild: den 8 mei het kofschip MAGRETA, kapt. H.J. Veen, naar Noorwegen, het brikschip HARMONIE, kapt. J. Focken, naar Emden.
Den 10 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Schotland.
Den 11 dito het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bremer, naar Newcastle.
Den 12 dito het kofschip GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, naar Noorwegen.
Den 13 dito de schoenerschepen ORWELL, kapt. R. Cubitt en NORTHAM, kapt. D. Charrosin, beide naar Londen; het galjasschip JOHANNA MARIA, kapt. R.J. Molser, naar Denemarken.
Den 14 dito de schoenerschepen ANTJE, kapt. K. Welger, naar Havannah en MINERVA, kapt. L. Ellefsen, naar Noorwegen.
Den 20 dito de kofschepen GEZINA, kapt. B.A. Visser en ZEELUST, kapt. R. Sluik, beide naar Noorwegen; de schoenerschepen UNION, kapt. H.B. Disney en HERO, kapt. W.S. Howard, beide naar Londen.


24 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

De Nederlandse hoeker VROUW MARGARETHA, kapt. F. van der Meyden (opm: bouwjaar mogelijk 1809; kapt. T. van der Meyden), van Malaga, laatst van Lissabon, naar Rotterdam, is de 14e mei op de kust van Audierne (opm: Bretagne, zuidelijk van Brest) gestrand, doch het volk gered.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 22 mei 1837: een welbezeild gekoperd pinkschip de KOLONIST, kapt. D. Spreeuw: NLG 6.000, opgehouden.
(opm: de pink heeft vanaf eind 1831 in Amsterdam opgelegd gelegen en werd in 1833 verkocht, zie AH 080633; deze verkoop lijkt mislukt, maar we zien de KOLONIST niet terug, zodat men na de veiling onderhands wel tot een akkoord zal zijn gekomen en het schip nu definitief in handen van een sloper moet zijn gevallen)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 23 mei. Volgens berichten van de resident van Bantam heeft aldaar in de avond van de 15e dezer een hevige storm gewoed. De schoener ANADYOMENE, welke zich op de hoogte van het eiland Dwars-in-de-Weg bevond, is bij die gelegenheid van deszelfs grote mast en van een gedeelte van de bezaansmast en boegspriet beroofd geworden. Twee inlandse matrozen zijn bij die gelegenheid licht aan het hoofd verwond geworden.
Voorts is nog een te Bantam ten anker liggend, slecht geballast ra-vaartuig, aan de Arabier Said Alwie bin Abdullah Juffrie behorende, door een rukwind omgeslagen, zijnde met behulp van enige prauwen gelukt dat vaartuig weder op te richten en de lading te redden.
(opm: de ANADYOMENE was een schoener van de Koloniale Marine).


  JC - Javasche Courant

Batavia, 20 mei. Heden zijn hier aangekomen de Nederlandse bark MARGARETHA, kapt. W. Barchan, met een passagier, de 13e januari vertrokken van Londen, en de dito bark MADURA, kapt. B.C. ten Ham, met een passagier, de 29e januari vertrokken van Rotterdam.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 21 mei. De Nederlandse brik INDRAMAIJOE, kapt. W. Borgen, is heden van hier naar Samarang vertrokken.
(opm: zie JC 290437)


25 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. In de nacht tussen dinsdag en woensdag (opm: 23-24 mei), omstreeks één uur, is het schip (opm: fregat) de JAVAAN, kapt. J.G. Adriaan, tot lossing liggende (opm: PGC 300537 schrijft: na de lading uitgezonderd enige huiden en bindrotting gelost te hebben) in het Westerdok, te Amsterdam, bij een hevige wind- en regenvlaag gekanteld en omgeslagen; van de zich aan boord bevindende zeven of acht personen is één enkel aan het hoofd bezeerd geraakt; men is bezig het schip met lichters weder op te rigten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Kapt. W. Blom, van Batavia in Texel binnen, rapporteert den 26 januari in Straat Sunda gepraaid te hebben Zr.Ms. oorlogs-corvet CASTOR, kapitein-luitenant F.H. Ampt, van Texel, en de schepen MIDDELBRG, kapt. C. Riekels, van Middelburg, PRINSES MARIANNE, kapt. A. Plug, den 27 dito het schip NEDERWAARD, kapt. M.D. Meyer, en een bark, tonend Rotterdamse vlag no. 2 zijnde die van kapt. C. Schoewert, voerende het schip BANTAM, alle drie van Rotterdam; den 11 april op 4º N.B. en 19º50’ W.L. het schip CASTOR, kapt. H. de Jong, van Soerabaya naar Amsterdam, den 29 maart St. Helena gepasseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. De schepen de VROUW HELENA, kapt. C. Esbra, van Hamburg naar Zaandam, JOHANNES, kapt. J.M. Holst, en de VROUW IDA, kapt. J.D. de Vries, beide van Hamburg naar Amsterdam, zijn den 17 dezer te Cuxhaven binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Het schip de HOOP, kapt. J.L. Jonker, van Hamburg naar Amsterdam te Cuxhaven binnen, was den 17 dezer aldaar nog liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Het schip GENERAAL VON BLUCHER, kapt. L.H. Ruyl, van Amsterdam naar Kroonstad, is, volgens brief van Kroonstad van den 11 dezer, in de avond van den 29 april, zes wersten (opm: Russische afstandsmaat à ca. 1067 m.) van Seskar (opm: vermoedelijk wordt Seskarö bedoeld; pos: 65º44’ N.B. 23º42’ O.L.), doorgesneden geworden door het ijs en gezonken; de gehele equipagie, bestaande uit twaalf man, is met de boten te Seskar aan de wal gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 mei. Het schip (opm: pink) de VEREENIGING, kapt. A.A. Herman, van Amsterdam naar Padang, is den 30 april in goede staat zeilende gepraaid op 36º54’ NB 13º37’ WL


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. G.J. Roland Holst, J.H. Balwé, J. Corver en B.D. Bosscher makelaars, zullen op maandag den 29 mei 1837, des avonds ten 6 ure, in de Nieuwe Stads-Herberg, aan het IJ, te Amsterdam, verkopen: een extra-ordinair, welbezeild, Nederlands gebouwd, gekoperd en met koperen bouten voorzien Brikschip, genaamd DE PRINS DER NEDERLANDEN, gevoerd door kapt. Jan Hilbrands, volgens Nederlandse meetbrief lang 24 ellen 70 duimen, wijd 4 ellen 41 duimen, hol 4 el 29 duimen, en alzo groot 208 tonnen.
Voorts nog 2/8e parten in het gekoperd Nederlands Barkschip, genaamd ABEL TASMAN, kapt. H.H. Zijlstra, varende onder directie van de heer J.H. Hackman Asschenbergh en liggende aan de werf ’t Roopaard, op de Kadijk, te Amsterdam;
breder volgens inventaris en nader bericht bij bovengenoemde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het nieuwe Rijnschip genaamd MERCUUR, bijzonder ingerigt voor de vaart op Braband, zijnde groot 215 tonnen en varende onder Pruissische vlag, liggende in de Haringvliet te Rotterdam.
Nadere informatie bij de boekverkoper J. van Baalen, aldaar.


26 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuwe gekoperde tweedeks fregatschip JOHANNA, kapt. Rudolf Maalsteed. Adres bij Coopman en De Wit en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en De Vries en Co.
Batavia. Het nieuw gebouwd en gekoperde tweedeks fregat KONING DER NEDERLANDEN, kapt. G.W. van Barneveld Kooy.
Adres bij B. D. Bosscher.
Batavia. Het gekoperde tweedeks fregat MARCO BOZZARIS, kapt. W. H. Warnsinck Czn. Adres bij F. der Kinderen.
Padang. Het gekoperde tweedeks barkschip GOUDA SUZANNA, kapt. Hendrik Mulder. Adres bij Canne en Balwé. Sluit 27 mei.
Suriname. Het gekoperde tweedeks brikschip PHOENIX, kapt. Jan Christoffel Töpper.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde Nederlandse kofschip DE GEBROEDERS, kapt. P.C. Sorgdrager. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gezinkte kofschip HILLEGONDA IDA, kapt. Hendrik Ade Hendriks.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het galjootschip ANNA EN MARIA, kapt. Daniel Steenveld.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks brikschip ASTREA, kapt. J.A. de Lang.
Adres bij Hoyman en Schuurman. Sluit 3 juni.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip SOPHIA MARIA, kapt. J. Andresen.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip SOPHIA CECILIA. kapt. Bandik F. Ibsen. Adres bij B. D. Bosscher.
Suriname. Het tweedeks barkschip HET VERTROUWEN, kapt. Coenraad Zaal.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde tweedeks driemast galjootschip WEST-INDIË, kapt. J.J. Boon. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Rio de Janeiro. Het gekoperde tweedeks fregatschip HENRY EN WEILLEM, kapt. Broder Paul Martens. Adres bij de Vries en Comp., Jan Daniels en Zonen en Arbman, Coopman en de Witt en Lenaertz en Hoyman en Schuurman.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip DE VROUW CHRISTINA, kapt. R.J. Dood.
Adres bij Jan Corver en Co.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip INDUSTRIE, kapt. P. van Duivenbode.
Adres bij C. de Grys en Zoon en J. de Rooy
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip ANNA ELISABETH, kapt. Evert G. Boekhout. Adres bij Van den Bey en Comp., Nobel en Holzapffel en Jan Corver en Comp.
Lissabon. Het gekoperde Nederlandse sloepschip DE HOOP, kapt. K. Haasnoot.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlandse kofschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. H.C. Schuth.
Adres bij Van Ulphen en Ruys.
Rochefort. Het Nederlandse kofschip FREDERICA, kapt. Johannes Barends.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Bremen. Het Nederlands schip DE VROUW HILLEGINA, kapt. A.A. Wolkammer.
Adres bii Blikman en Co.
Danzig. De Nederlandse smak DE VROUW HENDRIKA, kapt. L.K. de Jonge.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Danzig. Het Nederlandse smakschip HET JONGE JELTJE, kapt. J.F. Posthumus.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip DE HERSTELLING, kapt. B.H. Schuur.
Adres bij J.C. van Oven.
Koningsbergen. Het Nederlandse kofschip ONS GENOEGEN, kapt. Meint Douwes.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Koningsbergen. De Nederlandse smak DE VROUW JANTJE, kapt. J.E. Scherpbier.
Adres bij Kranenborg en Zn. en de wed. P. Poolman Jzn. en Zn.
Kopenhagen. Het Nederlandse kofschip DE ONDERNEMING, kapt. Tjakke Jans Hazewinkel.
Adres bij B.J. van Hengel.
Lübeck. Het tjalkschip DE VROUW TRIJNTJE kapt. J.A. Meijer.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlandse gezinkte kofschip DE MAAS, kapt. P. J. Bakema.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip ENGELINA, kapt. Geert Teunis Borst.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip FRAUKE KNELSINA, kapt. R.R. de Jong.
Adres bij H.A. Hespe en de wed. Jan Salm en Meyer.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip DE VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, F. Smit, De Vries en Comp, en Floris der Kinderen.
Rendsburg, Kiel en Flensburg. Het Nederlandse schip DE VEREENIGDE TROUW, kapt. G.W. Stuit.
Adres bij J.C. van Oven.
Riga. De Nederlandse kof JOHANNA HILLEGONDA, kapt. J.D. Flik.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Rostock (via Rendsburg) Het Nederlandse kofschip DE JONGE FLONK, kapt. Luitje B. Flonk.
Adres bij Floris der Kinderen.
Stockholm. Het schoenerschip ALBERTINA, kapt. N. Backman.
Adres bij H. Gullen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Kapitein T. Tunder, van Aarhuus, voerende het Jachtschip BOREAS, van Flensburg naar Londen gedestineerd, gedenkt op donderdag den 8 juni 1837 des voormiddags ten 11 ure precies, in de Herberg te Ezumazijl, in het openbaar aan de meestbiedenden te doen verkopen: 36 lasten Raapzaad en 170 Moscovische matten (opm: matten afkomstig uit Rusland of Moskou, gemaakt van lindenbast).
Nadere informatiën te bekomen bij de Heer J.J. Heep, te Ternaard.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Vier scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen terstond tegen een goed dagloon werk bekomen bij J.H. Alkema en G.A. Bakker in Comp, te Makkum.


27 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. Den 24 dezer zeilden van Helvoetsluis STAD ROTTERDAM, C. Poort, en WIJNHANDEL, M.M. Versluys, naar Batavia; ALBERTINE, A.K. Potjewijd, naar Libau (opm: Liepaja), en arriveerde MARIA BEERTA, K.A. Tap, van Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 mei. Den 25 dezer zeilde van Maassluis JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, naar Jersey. De wind W.N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

De ondergetekende, aan boord van het Nederlandse schip BATAVIA, waarschuwt een ieder geen gelden te lenen of iets te crediteren aan zijn huisvrouw Yda Petronella van Kessel, zullende door hem bij zijn terugkomst geen betaling geschieden.
Rotterdam, 26 mei 1837, P.W. van Kessel


29 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

’s-Gravenhage, 25 mei. De luit.t.zee 2e klasse M.G.I.H. Faber van Riemsdijk is tijdelijk uit de dienst der marine afgevoerd en ter beschikking van het departement van oorlog gesteld, zullende hij op last der regering als passagier een reis naar Java doen op het voor de heer N.J. de Cock te Rotterdam gebouwde vaartuig de SYLPH en van zijn bevindingen omtrent die bodem verslag geven.


30 mei 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 mei. Kapt. K.R. Klaassens, voerende het schip (opm: smak) ALBERDINA, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, meldt van Bremerhaven van den 21 dezer, dat hij den 13 dito van Tonningen (opm: Tönning) vertrokken en den 16 bij Terschelling ten anker gekomen zijnde, die nacht aldaar door een brik is aangezeild geworden, waardoor de bezaanmast brak en men genoodzaakt was deze met tuig en zeilen over boord te kappen, om van de brik vrij te geraken; ook het want van de grote mast gebroken en het schip zwaar lek geworden zijnde, had men het anker moeten kappen, waarna het schip den 20 dito onder gestadig pompen te Bremerhaven binnengelopen was; men vreesde ook zeer voor schade aan de lading, welke ten spoedigste gelost zou worden. (opm: zie AH 220837)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNEGINA SOPHIA, kapt. H.P. Heeres, van Amsterdam naar Stettin in Harlingen binnen (opm: zie PGC 230537), heeft volgens brief van daar van 26 mei, de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. K.G. Sipsma, van St. Martin, op het eiland Rhé te Dordrecht aangekomen, heeft op 17 mei op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gepraaid de kof WEBBINA (opm: WIBBINA), kapt. J.H. Kuiper, van Le Croisic naar Bergen, aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen de VROUW IDA, kapt. J.D. de Vries, van Hamburg naar Amsterdam, en de VROUW HELENA, kapt. G. Esbra, van Hamburg naar Zaandam, beide te Cuxhaven liggend, waren op 19 mei aldaar nog liggende.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Voor Amsterdam waren bezig met laden, te Londen op 22 mei de schepen UNDINE, kapt. W.H. Smith (opm: waarschijnlijk buitenlander) en de JONGE EVERT, kapt. B.J. Wijgers, te Cardiff op 19 mei het schip de NIJVERHEID, kapt. E.E. Hoveling en te Liverpool het schip LUKKINA MARGARETHA (opm: kof LUKKINA MAGRIETA), kapt. H.S. Hoveling.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Van Stralsund wordt op 20 mei gemeld, dat op 6 mei bij Peenemünde, is aangespoeld een naambordje waarop met vergulde letters 18 ANSINA. (opm: zie PGC 020637)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 20 mei 1837 het brikschip WILHELM FRIDRICH, kapt. S.A. Parr, van Noorwegen.
Den 22 dito het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, de kofschepen VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth en de JONGE DIRK, kapt. H.E. Vos, alle drie van Noorwegen.
Den 26 dito het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, van Londen; het sloepschip CAROLINE, kapt. R. White, van Morrisonshaven.
Uitgezeild: den 23 mei het schoenerschlp MAGNET, kapt. E.L. Cooper en het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, beide naar Dundee.
Den 24 dito de kofschepen de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, ElISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun en WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, alle drie naar Noorwegen.
Den 25 dito de kofschepen ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, VRIENDSCHAP, kapt. B.J. de Boer, JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok en JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, alle naar Noorwegen.
Den 26 dito het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, naar Dundee, het kofschip ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, en het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, naar Noorwegen.
Den 27 dito het brikschip WILHELM FRIDRICH, kapt. S.A. Parr, de kofschepen CONCORDIA, kapt. H.B. Drok en de DRIE GEZUSTERS, kapt. P. Dijkstra, alle drie naar Noorwegen.


31 mei 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 29 mei 1837:
- een gekoperd en met koperen bouten gebouwd brikschip de PRINS DER NEDERLANDEN, kapt. Jan Hilbrands: NLG 7.750, in slag NLG 800. Koper B.D. Bosscher (opm: een makelaar namens B.W. van Straten, mede-directeur van de verkopende partij, t.w. de Amsterdamsche Reederij Sociëteit; in april 1838 ging de ALIDA WILLEMINA onder kapt. S. van der Mey weer in de vaart).
- 1/8e part in het barkschip ABEL TASMAN, kapt. H.H. Zijlstra, liggende alhier: NLG 2.125, in slag NLG 70. Opgehouden.
- 1/8e part in dito: NLG 2.125, in slag NLG 100. Opgehouden.


01 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 mei. Kapt. C.A. Hazewinkel, voerende het smakschip AURORA, den 28 dezer in de Maas binnengekomen, rapporteert, dat hij den 24 in de Hoofden (opm: Nauw van Calais) gepraaid heeft een driemast-kof, tonende nommer 333 van het Collegie Zeemanshoop, zijnde die van C. van Driesten (opm: barkentijn DE ZWAAN).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 mei. Het schip (opm: fregat) SUMATRA, kapt. J. Joosens, van Batavia en Soerabaya naar Rotterdam, heeft, volgens brief van Soerabaya van den 20 januari, bij Soerabaya aan de grond gezeten, en was bezig met lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op heden den 1 juni 1837, des v.m. ten 11 ure, vindt aan de Wolfshoek, binnen deze stad, de openbare verkoping plaats van een Lichterschip, gediend hebbende voor Legger, benevens mast, boegspriet, giek, roer, ankers, end kabel en verdere inventaris.
H.P. Corne, deurwaarder


  AH - Algemeen Handelsblad

In de zitting van 5 juli werden in handen van een commissie gesteld:
1°. Een, ten gevolge Van de resolutie van de vergadering, in dato 9 juli 1835, door heren Gedeputeerde Staten van Noord- en Zuid-Holland, aan de vergadering ingezonden bericht op een door de edel groot achtbare heer Van der Hoop, in de laatst voorgaande vergadering van de Staten van Holland gedaan voorstel tot de aanbouw van een nieuwe, genoegzame kracht uitoefenende stoomboot voor de sleepdienst op de rede van Texel en het Nieuwediep; en
2°. Een missive van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, met overlegging van een deswege ontvangen voorstel van de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Rotterdam, de ondersteuning en gunstige tussenkomst van de vergadering inroepende, ten einde van 's Rijkswege een goede sterke stoomboot te verkrijgen, ten einde de sleepdienst van zeeschepen in- en uit de Maas in alle seizoenen te verrichten. Uit eerst gemelde missive van Gedeputeerde Staten van Noord- en Zuid-Holland blijkt, dat zij gemeend hebben in overweging te moeten geven, om zich als nu vanwege de vergadering per adres tot de Koning te wenden, met het verzoek, ten behoeve van de onderwerpelijke zaak, gedurende de eerstvolgende 20 jaren, een jaarlijkse subsidie van NLG 10.000 te mogen genieten. Gedeputeerde Staten vermeenden, dat indien het tegen verwachting, mocht gebeuren, dat Z.M. alsnog zwarigheid mocht maken om dit verzoek toe te staan, het plan van opbouw van de bedoelde stoomboot, als vervallen zou moeten beschouwd worden. De commissie, die met de overweging van deze beide voorstellen belast was geworden, heeft verklaard, dat het haar met betrekking tot eerst gemeld punt, is gebleken, dat het voorstel tot bekoming van een meer kracht uitoefenende stoomboot voor de sleepdienst aan het Nieuwediep voor hoogst wenselijk, ja geheel noodzakelijk, moet gehouden worden, en zulks niet alleen in het belang van de koophandel, maar ook voor de dienst van 's Rijks Marine, welke laatste veelvuldig in het geval is, om van de thans bestaande, doch veelal te zwak bevonden stoomboot NOORD-HOLLAND, gebruik te maken. De enige zwarigheid, welke zich tegen het ten uitvoer leggen van het voorstel van de heer Van der Hoop tot hiertoe verzet, is gelegen in het gebrek aan genoegzame fondsen, om de aanmerkelijke, daartoe vereiste kosten, welke op NLG 200.000 zijn aangeslagen, uit eigen middelen te bestrijden, en het is uit dezen hoofde, en uit aanmerking van het zo even aangevoerde belang voor het Rijk zelf in de bevordering van deze zaak gelegen, dat de Gedeputeerde Staten adviseren, om nogmaals in een ontworpen adres, Z.M. te adiëren, met het verzoek, om genoegzame ondersteuning uit 's Rijks schatkist te verlenen, ten einde, na het verkrijgen van de toezegging daarvan, de verdere insgelijks aangeduide, en naar het oordeel van de commissie, zeer doelmatig gekozen middelen te beramen, om op een gepaste en voor de provincie niet al te bezwarende wijze, tot het voorgedragen doel te geraken. Ook met betrekking tot het tweede voorstel, tot daarstelling van een stoomboot voor de dienst van de mond van de Maas, voelde de commissie zich zeer genegen de wijze van zien van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland voor de hare aan te nemen en de bevordering van dit belang met alle nadruk voor te staan. Daar echter het onderwerp, hiertoe betrekkelijk, de berekening van de kosten, en al hetgeen verder tot het ten uitvoer leggen van deze onderneming nodig geacht kan worden, nog niet genoegzaam schijnt voorbereid te zijn, stelde de commissie voor, heren Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland te machtigen, om na een meer volledig onderzoek en bepaald overleg van de zaak, in een eerstvolgende bijeenkomst van de vergadering daarop terug te komen en haar definitieve beslissing deswege in te roepen, terwijl inmiddels tot voorlopige voorziening in de aangeduide stoomboot, op Gedeputeerde Staten de volmacht zou kunnen worden verstrekt, om, na bekomen toestemming van de hoge regering, uit de beschikbare gelden van de provinciale begroting van 1836, een som van NLG 6.000 af te zonderen en te besteden tot bijdrage in de kosten van de stoomdienst, ten behoeve van de handel in het zeegat de Goeree. De staten hebben zich met beide de voorstellen van haar commissie verenigd en derhalve, wat het eerste punt betreft, zich verenigd met een, aan de Koning in te dienen adres.


02 juni 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 1 juni. Morgen namiddag ten 13.30 u zal op de werf de Oranjeboom van de scheepsbouwmeesters A. de Graaf & Zonen in de Groote Bikkerstraat van stapel lopen het koopvaardij fregatschip NASSAU, gebouwd voor rekening van de heren G. Nolthenius, Schmöle en Van Geuns, naar men verneemt gevoerd zullende worden door kapt. E. Visser, bestemd voor de vaart op de Oost-Indiën.


  AH - Algemeen Handelsblad

Ligt in lading naar Riga het Nederlands smakschip (opm: hektjalk) de VRIENDSCHAP, kapt. Berend F. Apveld.
Adres bij de Wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande het schip ANNA, kapt. P.W. Lindeboom (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Papenburg naar de Oostzee, 29 maart Rendsburg gepasseerd, heeft men sedert niets vernomen, zijnde deszelfs naambord bij Peenemünde aangespoeld (opm: zie PGC 300537).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en weldoortimmerd Schuiteschip, lang over steven 15 el 6 palm, wijd 3 el 4 palm en hol 1 el 4 palm, met zeil en treil, staand en lopend want, zodanig het laatst bevaren en in huur en gebruik is geweest bij Jan Durks de Vries, Schipper, in der tijd gedomicilieerd te Sloten.
Te bevragen bij de Weduwe Jan Durks de Vries, winkelierse te Sloten.


03 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 2 juni. Het te Rotterdam liggende stoomschip DE PHOENIX is met den 1 dezer in dienst gesteld, met een equipagie van 75 koppen; tot bevelhebber daarvan is benoemd de kapitein-luitenant ter zee J. le Jeune, thans commandant van het stoomschip CURAÇAO, te Helvoetsluis, terwijl het bevel over laatstgemelde bodem is opgedragen aan de luitenant der 1e klasse J.F.A. Coertzen, eerste officier op het stoomschip CERBERUS, te Vlissingen liggende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 juni. Door een den 26 mei te Cuxhaven aangekomen kapitein van een ever is, drie mijlen Z.W. van Helgoland, drijvende gezien een gekenterd schip, ogenschijnlijk een kof van 30 of 40 lasten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 juni. Het schip (opm: kof) de JONGE IDA’S, kapt. R.R. Keizer, van Amsterdam naar Bayonne, op de baar van Bayonne gestrand (opm: zie RC 160537), is, volgens brief van daar van den 24 mei, weder af en in de haven gebragt.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In de laatste helft van de maand juni aanstaande zal te Soerabaija op publieke vendutie verkocht worden het Nederlands-Indische barkschip JULIA met deszelfs inventaris. Hetzelve is inmiddels aldaar uit de hand te koop bij Manuel & Preijer.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 31 mei. Heden zijn hier aangekomen De Nederlandse bark SUMATRA, kapt. E. Wobben, met een passagier, de 22e maart van Bengalen vertrokken, het Nederlandse schip GENERAAL VAN DEN BOSCH, kapt. J. Parlevliet, met acht passagiers en Zr.Ms. troepen, de 6e februari van Rotterdam vertrokken, en de Nederlandse bark FACTORIJ, kapt. J. Parlevliet, met een passagier, de 1e maart van Rotterdam vertrokken.


06 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Volgens een bericht van de Nederlandse Handels-Agent op St. Helena, bij het Departement van Marine ontvangen, gedagtekend 16 april l.l, had de Nederlandse koopvaardij-brik KONING DER NEDERLANDEN, kapitein Sandman (opm: G.A. Landman), die dag aldaar aangekomen, Zr.Ms. fregat BELLONA den 8 februari te voren in Straat Sunda gepraaid, en was alstoen vernomen, dat Z.K.H. Prins Willem Frederik Hendrik der Nederlanden zich aan boord van gemeld fregat in een goede welstand bevond.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Kapt. G.A. Sandman, van Batavia naar Amsterdam te St. Helena aangekomen, rapporteert den 6 april gepraaid te hebben het schip (opm: fregat) de STAD SCHIEDAM, kapt. D.H. de Boer, van Batavia, Soerabaya en Passaroeang naar Schiedam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Vrijdag (opm: 2 juni) is te Amsterdam met het beste gevolg van stapel gelopen het fregatschip NASSAU, gebouwd voor rekening van de heren G. Nolthenius, Schmöle en Van Geuns, door de scheepsbouwmeesters A. de Graaf en Zonen, op de werf de Oranjeboom in de Bikkerstraat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Op den 4 dezer zeilde van Helvoetsluis de SYLPH (opm: brik), kapt. P.D. Nap, naar Batavia, doch is bij de Goereesche haven ten anker gekomen en den 5 van daar naar Batavia gezeild. (opm: eerste reis)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Den 4 dezer is in de Maas gearriveerd de vishoeker HARING- EN KABELJAAUW-VISSCHERIJ, schipper J. Verwey, aan boord hebbende de equipagie van het op den 3 dezer gezonken kofschip EMMA AUGUSTA, kapt. P. Brunswick, met steenkolen van Harwich naar Altona bestemd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Het schip (opm: kof) de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.K. Potjewijd, van Amsterdam naar Gibraltar, Mogador (opm: Essaouira in Marokko) en Suriname, is den 29 mei te Douvres (opm: Dover) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Het schip (opm: fregat) PHẾNOMÈNE, kapt. F.P. Hoedt, van Rotterdam naar Batavia, is den 13 april op 9º N.B. en 22º10’ W.L. gepraaid.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juni. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 2 dezer:
Men schrijft van New-York den 3 mei, dat de HENRICUS, kapt. Arfsten (opm: Belgische kof, kapt. Bröder Arfsten), van Antwerpen naar Manzanilla, den 17 april op 32º breedte en 70º lengte (opm: N.B. en W.L.), in een zinkende toestand door de equipagie was verlaten.


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 4 juni. Vertrokken HENRY EN WILLEM, B.P. Martens naar Rio de Janeiro.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. C.A. Hazewinkel, van Cardiff te Brielle binnen, heeft op 24 mei in de Hoofden (opm: Nauw van Calais) gezien een 3-mastkof, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop met No. 333 zijnde die van kapt. C.J. van Driesten, voerende het schip (opm: kof) DE ZWAAN, van Amsterdam naar Suriname.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. J.F.P. Smit, van Havana naar Antwerpen, te Vlissingen aangekomen, heeft op 27 april op 34º57’ N.B. en 63º0’ W.L. in goede staat gepraaid de brik VERWACHTING, kapt. K.H. Hillers, van Amsterdam naar Baltimore en Suriname.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MAGELLAAN, kapt. Hansen (opm: fregat, kapt. L.H. Hansen), van Antwerpen naar New York, is op 29 mei op het Goodwin Sand vastgeraakt, doch weder vlot geworden en heeft dadelijk de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MINERVA, kapt. J.A. Homan (opm: buitenlander), van Baltimore naar Bremen, was op 29 mei op de hoogte van Portsmouth.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 28 mei 1837 het kofschip HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, van Noorwegen.
Den 30 dito het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen, van Noorwegen; het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Newcastle.
Den 31 dito het schoenerschip HERO, kapt. W.S. Howard, van Londen; het kofschip MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, van Noorwegen; het schoenerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, van Londen.
Den 3 juni het kofschip VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen, van Dantzig (opm: Gdansk); het brigantijnschip ACTIVE, kapt. J.L. Meijer, van Memel (opm: Klaipeda).
Uitgezeild: den 28 mei de schoenerschepen FLORA, kapt. J. Manning en HOPE, kapt. W. Cousins, beide naar Londen.
Den 29 dito de kofschepen de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth en de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, beide naar Noorwegen.


08 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Het schip ALBERTINA (opm: schoener, waarschijnlijk Zweed), kapt. N. Bäckman, van Amsterdam naar Stockholm, is, na eerst door het niet houden der pallen een anker en ketting te hebben laten slippen en daarna aangezeild te zijn, den 1 dezer met omstreeks 1 el 41 duim water in het ruim bij Harderwijk op strand gezet. (opm: zie AH 200637)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juni. Kapt. T.J. Reus, van Bordeaux naar de Oost Zee, te Elseneur (opm: Helsingör) aangekomen, heeft den 6 mei, op 47º8’ N.B. en 6º25’ W.L, gezien een Nederlands oorlogschip, tonende een witte vlag met de letters DC. (Misschien Zr.Ms. Transportschip DORDRECHT, kapitein-luitenant Koops, van Helvoetsluis naar Suriname, of wel een der schepen, varende onder directie van de heer N.J. de Cock, welke alle die letters in hun signaalvlag voeren.)


09 juni 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. A. den Breems (opm: hoeker DE KLEINKINDEREN), van Gibraltar op 3 juni te Brielle binnen, heeft gezien op 28 mei een brik, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop, met No. 284 zijnde die van kapt. R. Dekker, voerende het schip de ONDERNEMING, van Amsterdam naar Batavia.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris J. Albarda Hz, te Leeuwarden, zal op tijd en plaats bovengenoemd, ten overstaan van het Vredegeregt, Kanton Leeuwarden no. 2, verkopen: een gedeeltelijk afgewerkte Scheepstimmerschuur en Woonhuizinge, met de daarbij behorende plek Gronds, staande en gelegen op Snakkerburen onder Lekkum, bekend ten Kadaster sectie D, no. 293, laatst bij Jacob Klazes van der Woude in gebruik geweest; dadelijk na de finale toewijzing te aanvaarden. (opm: zie LC 050537)
Conditiën te vernemen en billetten te bekomen bij gemelde Notaris.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: Een sterk en net betimmerd Kofscheepje, met platte luiken, roef en open bollestal (opm: stuurkuip [Fries] op kleinere binnenschepen), lang ongeveer 12 el, hol en wijd naar rato, met zeil en fokken, haken, bomen en verdere annexen (opm: toebehoren); te bevragen bij de schipper en eigenaar L.F. Deinum te Sloten.


10 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Een Hollandse kof, van Amsterdam naar New-York, is den 28 april gepraaid op 39º20’ N.B. en 65º W.L.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Gezien een kof, tonende vlag van het Collegie Zeemanshoop met no. 341, zijnde die van kapt. T.H. Mulder, voerende het schip MARGARETHA, van Rotterdam naar Bordeaux, laatst van Ramsgate.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Door Zr.Ms. oorlogsbrik DE PELLIKAAN, luitenant Rengers, uit de Middellandse Zee in Texel binnen, is den 23 mei op 46º29’ N.B. en 12º53’ W.L. van Greenwich, gepraaid de Nederlandse kof JAN DE WITH, kapt. R.F. Mellema, van Livorno naar Amsterdam, hebbende alstoen 55 dagen reis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Woensdag den 7 dezer is de gewone jaarlijkse vergadering van de Raad der Nederlandsche Handel-Maatschappij te Amsterdam geopend, met een aanspraak van de president, de heer Van der Houven, houdende een beknopte aanwijzing van de gang en stand der zaken en aangelegenheden dier Maatschappij. In die aanspraak werd medegedeeld en aangetoond, dat de werkzaamheden der Maatschappij gedurende haar 12e boekjaar, 1836, tot een gewenste uitkomst hebben mogen leiden en niet ongezegend zijn gebleven.
- Op 1 februari 1836 had de heer F.H. Spengler het presidium der Factorij te Batavia aan zijn opvolger, de heer C.J. Vercouteren, overgedragen, waarna de heer Spengler met zijn gezin op 7 juli 1836 behouden in het vaderland was teruggekeerd.
- Het in gewigt en omvang steeds toenemend beheer der Factorij te Batavia en dat van haar Agentschappen op Java en Sumatra leverden voortdurend stof van tevredenheid.
- De in 1836 en ook reeds in de loop van het tegenwoordige jaar gehouden veilingen der Maatschappij getuigden, over het algemeen, gunstig van de hier te lande bestaande gelegenheid ter plaatsing van aanzienlijke hoeveelheden koloniale producten, blijkens de in 1836 plaats gehad hebbende opruiming van ongeveer 52 miljoen halve Nederlandse ponden koffij, 38 miljoen gelijke ponden suiker, 2800 kisten indigo, benevens een aanzienlijke hoeveelheid specerijen, tezamen voor een beloop van nagenoeg 27 miljoen guldens, behalve belangrijke partijen tin, huiden, en andere artikelen, die met de genoemde hoofdproducten hebben medegewerkt om belangstelling te wekken van buiten, en vertier en welvaart te bevorderen van binnen.
- Door het opleggen van zekere hoeveelheden koffij, om geel en bruin te worden (door bereidingen op de West-Indische wijze), de aanvoer en bewaring in vaten, en dergelijke maatregelen, poogt men de sorteringen der koffij in de veilingen te vermeerderen en te verbeteren.
- Voor binnen- en buitenlands gebruik beide blijft de qualiteit der Java-suiker uitnemend voldoen, en zo ook de Java-indigo; alleen wenste men van dit artikel een meer gelijke afpakking of sortering, waarop dan ook het uitzigt bestaat.
- De vorderingen der cultuur der Java-tabak blijven nog het een en ander te wensen over laten; en de hier voor de ontvangen partijen bedongen prijzen waren niet zeer aanmoedigend.
- Van Java-thee werd in 1836 slechts een geringe hoeveelheid aangevoerd. De qualiteit blijft ongemeen voldoen, gelijk ook die der Java-kaneel, waarvan ruimer aanvoer wordt begeerd. De bedongen prijzen voor de ontvangen zeven kisten Java-zijde waren insgelijks aanmoedigend, doch de aankweking der zijde-wormen schijnt op Java nog steeds moeijelijkheden te ontmoeten, terwijl de kwaliteit der zijde ook voor verbetering vatbaar zou zijn.
- De ontvangen 66.000 stuks huiden hadden tot enigszins verlies gevende prijzen moeten worden verkocht. Daarentegen leverden de in 1836 verkochte 14.064 schuitjes tin (opm: á ½ pikol = 30,8806 kg) een zeer voordelig resultaat op. De Maatschappij ontving in 1836 van dit artikel 24.492 schuitjes; zij verkocht er in februari l.l. ruim 13.000 in publieke veiling.
- De uitzendingen (opm: leveringen aan Indië) der Maatschappij overtroffen wederom, zo in hoeveelheid als waarde, die van het jaar 1835.
- Door de tussenkomst der Maatschappij wordt thans ook voorzien in de behoefte van Indië aan gezouten vlees en gerookt spek. De qualiteit van hetgeen reeds op Java ontvangen was werd zeer geroemd.
- Het overzicht van de zaken der Maatschappij op Java en Sumatra wees, bij regelmatigheid van gang, ook in de opruiming van oude restantgoederen zigtbaar, tevens een gewenste levendigheid van vertier en aftrek ook van katoenen lijnwaden aan.
- De oogst der Preanger-koffij van 1835 leverde slechts ruim 85.000 pikols en alzo weinig meer dan de helft van de pluk van 1834 op. Omtrent die van 1836 waren de uitzigten daarentegen wederom zeer gunstig.
- Op de aandelen der Maatschappij in de Javasche Bank werd een dividend van 30 pct. of NLG 150 per aandeel uitgekeerd.
- Gedurende 1836 bevrachtte de Maatschappij in 98 schepen, hier te lande, een inhoud van ongeveer 32.000 lasten, terwijl de Factorij te Batavia aan zeven bodems een gehele of gedeeltelijke retourvracht bezorgde. Een som van NLG 5.633.712 werd aan vrachten en NLG 716.817 aan premiën van zeeassurantie betaald. Aan de opmerkelijke bewaring van de schepen, door de Maatschappij bevracht, in de vreselijke stormen welke het laatste gedeelte van het jaar 1836 kenmerkten, werd door de president dankbaar gedacht. Van de schepen, in 1835 bevracht, waren nog alleen ten achteren gebleven de JONGE JAN, met schade te Rio-Janeiro binnen, en de MARY EN HILLEGONDA, die de reis naar Japan gedaan heeft.
- Kapitein Hermanni, het barkschip der Maatschappij, SUMATRA genaamd, gevoerd hebbende, was met de stuurman Roos, op een reis van Padang naar Pondicherry (opm: nabij Madras, India), door de constabel en een gedeelte der equipagie om het leven gebragt; doch de moordenaars bragten de bark behouden te Calcutta en werden aldaar gevonnist.
- De scheepsbouw werd nog immer levendig voortgezet niettegenstaande alle aanmoediging (opm: betaling van ver boven de markt liggende vrachten) van de zijde der Maatschappij geheel heeft opgehouden. Na haar weigering tot bevrachting werden toch nog 26 bodems op stapel gezet; en ook het wegnemen van alle uitzigt op enig gebruik, bij voorkeur van nieuwe schepen te maken, was niet in staat die verflaauwing in de aanbouw te weeg te brengen, welke de directie, daar zij de behoefte der vaart op Java door de aanwezige scheepsruimte meent overtroffen te zien, in het wel begrepen belang der rederijen wenselijk acht.
- Het geleverde overzicht versterkte de overtuiging, dat deze nationale inrichting, naar de wens van haar Koninklijke Stichter, gelukkig voortgaat met te beantwoorden aan de bedoelingen, waartoe zij werd daargesteld, door op onze algemene belangen van handel, scheepvaart en nijverheid de gewigtigste en voordeligste invloed uit te oefenen, en aan de bevordering van bloei en welvaart onder Nederlands ingezetenen dienstbaar te zijn.
(opm: enigszins bewerkt en verkort; over 1836 werd een dividend van 7% uitgekeerd)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Den 7 dezer arriveerden te Helvoetsluis HILLECHINA CHRISTINA (opm: HILLECHIENA CHRISTINA), G.E. Broekema, van Stettin (opm: Szczecin), CONCORDIA, A.A. Borgeman, en MARIA, E. Pekelder, van Arendsburg (opm: Kuressaare).
Den 8 dezer arriveerde VROUW IKINA, H.G. Postema, van Libau (opm: Liepaja), JANTINA PETRONELLA, B.P. Kolk, van Riga, en zeilde HENRIETTE, H.F. Klie, naar Riga.
Den 9 zeilden JANTINA ENGELINA, H.T. de Jonge, naar de Oost Zee, en VRIENDSCHAP, J.H. Ahrens, naar Nerva. De wind O.Z.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Den 8 dezer zeilden uit de Maas GEZIENA, P.K. de Boer, naar … (opm: niet opgegeven), HOPENDE ZEEMAN W.F. Pronk, naar de Oost Zee, en de HOOP, L. de Vries, naar Stettin (opm: Szczecin), en arriveerde VROUW MARGARETHA, B.R. Berg, van Riga


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Den 8 dezer zeilden van Maassluis ROELFINA JELSINA, D.H. Puister, naar Bergen en CATHARINA JOSEPHINA, P.J. Muntendam, naar … (opm: niet opgegeven).
Den 9 zeilde MARGINA, J.P. Boer, naar Norderney, VROUW BARBARA, R.J. Jonker, naar Hamburg, en GEZINA, G.J. Postema, naar Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Van Texel is uitgezeild Zr.Ms. Transportschip WILLEM FREDRIK HENDRIK, kapitein-luitenant ter zee Van der Hart, naar Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 juni. Kapt. G. Wortelboer (opm: kof MARIA), van Bordeaux te Amsterdam gearriveerd, heeft den 29 mei, vier mijlen ten W.N.W. van zich hebbende en aan boord alles wel zijnde, gepraaid de bark de WIJNHANDEL, kapt. M.M. Versluys, van Rotterdam naar Batavia, en den 30 dito, Zuid-Voorland (opm: South Foreland) 4½ mijl van zich, gezien een brik, hebbende vlag van het Collegie Zeemanshoop met no. 322, zijnde die van kapt. J. Visser, voerende het schip HAVANA-PACKET, van Amsterdam naar Havana.


12 juni 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Vlissingen, 7 juni. Voor Antwerpen bestemd is alhier ter rede gekomen de METEORE, kapt. J. Rickmers, van Marseille.


13 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Batavia, 11 februari. In de Javasche Courant van den 21 maart 1835 werd aan het publiek bekend gemaakt, dat de Engelse bark SYLPH, gezagvoerder Wallace, destijds bestemd van Singapore naar China, op de noordoost punt van Bintang gestrand, doch dat men nog in de gelegenheid geweest was de rijke lading van ongeveer 100.000 pond sterling, welke dat vaartuig aan boord had, te redden. Thans verneemt men, dat de Engelse assurantie-maatschappij te Calcutta, tot een aandenken en als een bewijs harer erkentelijkheid voor de aan dat vaartuig verleende krachtdadige hulp, de toenmalige resident van Riouw, de heer H. Cornets de Groot, resident van Bezoeki, aan wiens goede zorg het behoud van de lading der SYLPH voornamelijk is te danken geweest, een prachtige zilveren vaas, van een toepasselijk opschrift voorzien, ten geschenke heeft aangeboden, en dat gemelde resident, wien reeds vroeger door het Nederlandsch Indische Gouvernement de tevredenheid over zijn ijver in deze betuigd is, daarvan de vergunning heeft erlangd, om het gemeld geschenk aan te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Den 9 dezer arriveerde te Helvoetsluis Zr.Ms. stoomboot CERBERUS, kapitein-luitenant Frank, van Vlissingen; ELIZABETH, H.H. Pot, van Libau (opm: Liepaja), en zeilde HENDRICA ELIZABETH, A. Riedijk, naar Livorno.
Den 10 dezer zeilde Zr.Ms. stoomboot CURAÇAO, luit. 1e klasse Coertsen, naar Texel, en arriveerden CORNELIS STAR, P.T. Kramer, van Havre-de-Grâce, en CORNELIUS DASSE VIËTOR, H.H. Bosker, van Riga. De wind W.Z.W.
Den 11 dezer arriveerde CATHARINA JULIA, P.H. Hazewinkel, van Liverpool, en TREKVOGEL, J. Spanjersberg, van Lissabon.
Den 12 dezer arriveerden HENDRIKA, J. Admiraal, en KOOPHANDEL, C. Neurenberg, van Batavia, en JONKVROUW ELIZABETH, H.L. Heeres, van Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Kapitein J. Admiraal (opm: fregat HENDRIKA) rapporteerde, den 15 februari, bij Soeloe Balie, gepraaid te hebben het barkschip JAVAAN, kapt. J.P. Meyer, van Amsterdam, hebbende 120 dagen reis, en dat met hem van St. Helena zijn vertrokken de schepen STAD SCHIEDAM, D.H. de Boer, en NEPTUNES (opm: fregat NEPTUNUS), P. Kraay, naar Amsterdam, welke laatste bij Lezard (opm: Lizard), 3 mijl ten N.W. van zich, weder door hem is gezien. Nog is gemelde kapitein den 10 dezer, bij Wight, 5 mijlen ten N.W. van zich, gepasseerd een schoenerkof, tonende witte vlag met DL no. 10 (opm: de letters zijn onbekend).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Den 11 dezer arriveerde in de Maas ROTTERDAM, J. Audibert, van Havre-de-Grâce (opm: lijndienst stoomschip)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Volgens brief van kapt. J. Parlevliet Fz, voerende het fregatschip de GENERAAL VAN DEN BOSCH, van 21 maart laatstleden, was hij toen in goede staat zeilende op 1º50’ N.B. 20º40’ W.L; equipagie, troepen en passagiers waren alle welvarende.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Den 10 februari lagen ter rede van Batavia Zr.Ms. fregatten DIANA en BELLONA, brik ORESTES en corvet CASTOR; civiele schoeners POSTILLON, NIOBẾ en HAGEDIS; Nederlandse schepen de IJSTROOM, JAVA’S WELVAREN, de DRIE MARIA’S, BARON VAN DER CAPELLEN, GRACE, ATYE TORACHMAN, DANKBAARHEID AAN DE NEDERLANDSCHE HANDEL-MAATSCHAPPIJ, HENDRIKA, JOHANNA SUSANNA, MEDORA, TALSUM, BOEROENG, PALEMBANG, HELENA CHRISTINA, KOLONEL KOOPMAN, PRINSES MARIANNE, MIDDELBURG en ATIAT; brikken CLEMENTINE, NIJVERHEID, DOROTHEA, DE NOORD, DE COCK en VAN SPYK; barken JADUL KARIM, ANNA AUGUSTUNA, REMBANG en BANTAM; schoeners HAPSOEN, GOANSOEN, DIANA, CALYPSO en MARY; kotter TOLERANTIE; Engelse schepen PATRIOT KING en LONDON; brik ISABELLA, bark ORWELL; Amerikaanse schepen ST. LAWRENCE, ARNO, MERCHANT, TALMAN en TRESCOTT; Hamburgs schip SOPHIE.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen KONING DER NEDERLANDEN en ’S GRAVENHAGE naar Nederland en de NEDERWAARD naar Soerabaya.
Te Soerabaya zijn gearriveerd de Nederlands schepen ANTOINETTA MARIA en HET SCHOON VERBOND van Batavia.
Van Banjoewangi zijn gezeild de Nederlandse schepen de STAD SCHIEDAM en CASTOR naar Nederland.
Straat Balie doorgezeild het Nederlandse schip PAULINA naar Middelburg.
Den 31 januari lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW; stoomschepen WILLEM DE EERSTE en HEKLA; brik SIWA; schoeners SIREEN, KROKODIL, JANUS, CASTOR en ANADYOMENE; Nederlandse schepen SINGAPOERA, JOHANNA FREDERIKA, MARY EN HILLEGONDA, L’ESPERANCE, ERICH, SUMATRA, NAWAN ELJOESOOR, ATHAIET, ULMAULAH, ANTOINETTE MARIA en HET SCHOON VERBOND; Stoomboot VAN DER CAPELLEN; Brikken DE HOOP, RIO DE JANEIRO PACKET, TEKSING, ONDERNEMER en ALIE OESOOR; barken JANE, FATAL KARIEM, VILLA, FATAL BARIE, SHEVA, RADJA WALLE, CAROLINA EN JACOBA en NEDERLANDER; schoeners SINGBRE, CORINGA, IRIS en CAROLINA; Amerikaanse schepen AZIA, HENRY TAKE en TARTAR.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. stoomschip CURAÇAO, luit. 1e klasse Coertsen, van Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. De schepen HAVANA PACKET, kapt. J. Visser, van Amsterdam naar Havana, en ANNA ADELHEID, kapt. G.J. Wesseling, van Embden, waren den 4 dezer op de hoogte van Portsmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Het schip (opm: hoeker) de NEDERLANDER, kapt. C. Hofker, van Amsterdam naar Suriname, te Calais binnen, was, volgens brief van daar van den 4 dezer, geheel van de geleden schade hersteld en bezig met het weder innemen der lading.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Volgens brief van C. Brandligt, voerende het schip de RHIJN, van Amsterdam naar de Kaap de Goede Hoop en Batavia, in dato 21 april, was hij toen in goede staat zeilende op 4º41’ NB 23º40’ WL van Greenwich; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Het schip (opm: kof) DE JONGE WICHER, kapt. H. Wichers Bontekoe, was den 4 dezer te Liverpool bezig met een lading voor Rotterdam in te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juni. Van Vlissingen is Zr.Mr. stoomschip CERBERUS, commandant Van Frank, naar Hellevoetsluis vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Marseille: het gezinkt Schoener-kofschip MONNIKENDAM, kapt. D.H. Kramer
Idem: het Hoekerschip de JONGE ALIDA, kapt. A.G. van Berkel (opm: A. Gaag van Berkel).
Lissabon: het Kofschip ZEEMEEUW, kapt. D.M. Noordhoek; ligt gereed.
Bordeaux: het Kofschip FELIX, kapt. J.J. Cramer.
Nantes: het Kofschip WENDELINA, kapt. H.J. Mulder.
Liverpool: het Kofschip JONGE MARGARETHA, kapt. J.K. Wijkmeyer.
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


  AH - Algemeen Handelsblad

Blijkens bericht uit Boston van 1 mei, is aldaar de 29e april door kapt. Martin, commanderende de Amerikaanse goelet MECHANIC, aangebracht kapt. Arfsten, die het Belgische schip HENRICUS gevoerd had, waarvan hij met drie man van zijn equipage, op het ogenblik dat het vaartuig dreigde te zinken, door gemelde kapitein gered was. De HENRICUS was de 31e maart van Manzanilla (Cuba) naar Antwerpen vertrokken, de 16e april was hem een zware storm overvallen, ten gevolge waarvan hij water in kreeg en genoodzaakt werd de grote mast te kappen. Bij die gelegenheid sloegen de tweede stuurman, de kok, en drie matrozen over boord en verdronken. De 17e werd hij gezien door de MECHANIC, welks kapitein hem en het overschot van zijn equipage redde. Kapitein Arfsten is de 2e naar New York vertrokken; hij heeft volstrekt niets kunnen redden.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 5 juni het kofschip EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, van Noorwegen.
Den 6 dito het kofschip die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, van Memel (opm: Klaipeda).
Den 7 dito het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, van Noorwegen.
Den 8 dito de kofschepen de HOUTHANDEL, kapt. K.D. de Groot en ZEELUST, kapt. R. Sluik, beide van Noorwegen.
Den 9 dito het kofschip de GOEDE WELVAART, kapt.J.G. Vos, van Noorwegen.
Den 10 dito het smakschip VIGELANTIE, kapt. S.E. de Ruiter, van Noorwegen, het schoenerschip WAVE, kapt. J. Cummings, van Londen, het kofschip GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, van Noorwegen, het smakschip de HERSTELLING, kapt. H.H. Potjer, van Dantzig, het schoenerschip UNION, kapt. H.B. Disneij, van Londen.
Uitgezeild: Den 4 juni de schoenerschepen LIVELY, kapt. S.H. Finch, FRIENDS, kapt. J. Manning en FAME, kapt. W. Barfield, alle drie naar Londen;
Den 5 dito de kofschepen IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr. en HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, beide op avontuur; het sloepschip CAROLINE, kapt. R. White, naar Hull.
Den 6 dito het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen en het kofschip MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, beide naar Noorwegen.
Den 7 dito het motschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. B. Pekelder, van Noorwegen.
Den 8 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Newcastle.
Den 10 dito het tjalkschip de VROUW HEIDEWIEKA, kapt. J.J. Pekelder, naar Hamburg.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een Tjalkschip uit de hand te koop, liggende bij de Scheepstimmerwerf op Zevenhuizen bij Franeker, bij J.R. Boomsma in 1828 nieuw uitgehaald, met zeil en treil, lang 14 el en 20 duim, 2 el en 52 duim wijd en 1 el en 37 duim hol; groot 32 ton.


14 juni 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 12 juni. Heden is hier aangekomen de Nederlandse brik HARMONIE, kapt. J.B. Muller, vertrokken van Rotterdam de 1e maart.


15 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. De haringvloot welke dit jaar zal uitzeilen telt 116 schepen, waarvan 8 jagers zijn, zijnde één meer dan in 1836, als van:
Vlaardingen 77 Enkhuizen 3
Maassluis 15 Delfshaven 1
Amsterdam 7 Middelharnis 1
De Rijp 6 Pernis 1
Zwartsluis 4 Scheveningen 1


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Den 13 dezer zeilde van Helvoetsluis MARY, B. Smaal, naar Newcastle.
Heden arriveerde te Helvoetsluis GOEDE VERWACHTING, A. Hoogendijk, van Malaga, zijnde na visitatie van de quarantaine ontslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Kapt. C. van Gelderen jr. (opm: EENDRAGT), te Helvoetsluis binnen, rapporteert den 6 dezer, op 46º N.B. 10º37’ W.L. van Greenwich, gepraaid te hebben het schip de WIJNHANDEL, kapt. M.M. Versluys, van Rotterdam naar Batavia bestemd; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Het schip REICHSFREIJ FRAU LOUISA VON LANDSBERG FEHLEN, kapt. C.C. Lindeboom, met tarwe van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, is, volgens brief van Emden van den 9 dezer, bij het binnenlopen der Eems, op een zandbank vastgeraakt, doch met hulp weder af en te Emden binnen gebragt; de lading werd gelost.
(opm: onmiskenbaar geen Nederlandse vlag, maar intrigerende namen van schip en kapitein)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. De Nederlandse brigantijn SYLPH, kapt. C.D. Nap (opm: schoenerbrik, kapt. Pieter Dirks Nap), van Rotterdam naar Batavia, is, volgens brief van Falmouth van den 8 dezer, die nacht aldaar binnengelopen, om nadere orders uit Rotterdam af te wachten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. De brik ASTREA, kapt. J.A. de Lange, van Texel, met stukgoederen gedestineerd naar Suriname, in de nacht van den 10 en 11 dezer in zee door een Engelse brik overzeild en daardoor haar boegspriet en stengen aan stukken geraakt en het galjoen (opm: licht, ondersteunend deel van de boeg, waarop de boegspriet rust) afgebroken zijnde, is daarna, op de rede te Vlissingen ten anker willende komen, haar kabelketting gebroken.
Een der loodsboten van Vlissingen haar de nodige adsistentie verleend hebbende, zo ligt gemelde brik thans in de Springer, doch zal moeten binnenkomen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juni. Kapt. A. Hoogendijk, voerende het schip de GOEDE VERWACHTING, van Malaga en Alicante te Brielle binnen, rapporteert den 29 mei j.l. op 41º34’ N.B. 11º48’ W.L. van Greenwich gepraaid te hebben het schip (opm: kof) UDONIA, kapt. W.P. Wessels, van Marseille gedestineerd naar Rotterdam; zijnde aan boord alles wel.


16 juni 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: fregat) NEPTUNUS, kapt. P. Kraay, van Batavia naar Amsterdam, is volgens particulier bericht op 12 juni te Texel binnengekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. J. Rickmers, van Marseille te Antwerpen gearriveerd, heeft op de hoogte van Kaap da Gata (opm: Cabo de Gata, 36º43’ N.B. 2º11’ W.L.) gepraaid de schepen GESINA CATHARINA BRONS, kapt. H.H. Fokken en ANGELINA, kapt. K.E. Visser, van Marseille naar Antwerpen (opm: waarschijnlijk buitenlanders).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris J. Albarda Hz, te Leeuwarden, zal op donderdagen den 29 juni en 6 juli 1837, telkens des avonds om 7 uren, ten huize van de kastelein Rinze Brouwer, in het Schippershuis, op het Vliet te Leeuwarden, bij de provisionele en finale toewijzing verkopen:
1. Een Tjalkschip, genaamd de VIER GEBROEDERS, groot 44 ton, gemeten op 15 el 64 duim lengte, 2 el en 77 duim wijd en 1 el 52 duim hol, met alle aan en toebehoren, in beste staat onderhouden, laatst bevaren door wijlen Ouwe Jacobs van der Veen, in leven schipper te Leeuwarden.
2. Een Tjalkschip, genaamd de VROUW CHRISTIANA, groot 30 ton, gemeten op 13 el 40 duim lengte, 2 el 55 duim wijd en 1 el 33 duim hol, met alle deszelfs aan en toebehoren, in beste staat onderhouden, bevaren wordende door de schipper Hendrik Tuinder.
Alles breder bij biljetten omschreven.
Beide schepen zijn gelegen in de Stadsgracht te Leeuwarden en kunnen dadelijk bij de finale toewijzing worden aanvaard. Informatiën te bekomen bij de kastelein Brouwer voornoemd. Conditiën te vernemen en biljetten te bekomen bij de Notaris.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een half Veerschip, met zeil, treil en verder aanbehoren, varende van Leeuwarden op Heerenveen en terug. Te bevragen bjj de eigenaar A.H. van der Zee, op Vijversbuurt bij Leeuwarden.


17 juni 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Den 18 mei in New York gearriveerd JONGE BAREND, kapt. van Wijk van Amsterdam.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 15 juni. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark CATHARINA, kapt. T. Rietmeijer, vertrokken van Rotterdam de 1e maart.


20 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juni. Den 16 dezer arriveerden te Helvoetsluis ANTIENA, N.W. Hazewinkel, en GERBERDINA, H.B. Oldenburger, beide van Marennes; JAN DE WIT, R.F. Mellema, van Livorno.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juni. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 16 juni:
Men schrijft van Nassau, N.P. (New Providence Island, Bahamas), den 6 mei, dat de DOLPHIJN, kapt. Kolff (opm: schoener, kapt. A. van der Kolff), van Rotterdam naar Havana gedestineerd, den 28 april op de hoogte der Beri-Eilanden (opm: waarschijnlijk de Berry Islands, Bahama’s; 25º30’ N.B. 77º45’ W.L.) was verongelukt, maar de lading geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Burgemeester en Wethouders der stad Rotterdam, voornemens zijnde om zeker Hamburger Kofschip, genaamd ALIDA, en laatst gevoerd geweest door kapt. G. von Laar, thans van alles ontbloot en zonder beheer liggende aan het einde der Nieuwehaven, zuidzijde, tegenover het pand van de heer De Jong, bij de Houtmarkt, volgens de bij de wet gebruikelijke wijze te verkopen, roepen bij deze op al diegenen die op dat schip enige betrekking hebben of aanspraak kunnen maken, om zich binnen 14 dagen ten Raadhuize met hun bescheiden aan te melden; zullende de heren belanghebbenden het zichzelven te wijten hebben, indien zij binnen de bepaalde tijd hun reclamen niet indienen.
Rotterdam, den 16 juni 1837.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juni. Den 16 dezer arriveerden te Helvoetsluis ANTIENA, N.W. Hazewinkel, en GERBERDINA, H.B. Oldenburger, beide van Marennes; JAN DE WITH, R.F. Mellema, van Livorno. (opm: na deze reis werd de kof, bouwjaar 1828, verkocht naar Purmerend; nu CORNELIS, onder dezelfde kapitein).


  AH - Algemeen Handelsblad

Helvoetsluis, 17 juni. Kapt. Overgaauw rapporteert den 12de dezer gepraald te hebben, op de hoogte van Lezard, kapt. Van der Weyden, bestemd naar Port á Port (opm: Oporto); den 13de bij de Singels de kof JAN DE WITH, kapt. R.F. Mellema, van Livorno naar Rotterdam, hebbende toen 78 dagen reis.


  AH - Algemeen Handelsblad

Helvoetsluis, 18 juni. De bark PIET HEIN, kapt. Wylde, is heden nacht door het breken van de ankerketting tegen de plaat geraakt, doch is door assistentie er af en op het (opm: Voorns) kanaal gekomen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Briel, 18 juni. De Nederlandse brik ASTREA, kapt. J.A. de Lang, is van Neuzen alhier terug en in ´s Rijks dok gehaald.


  AH - Algemeen Handelsblad

Triëst, 8 juni. Heden is hier van Amsterdam binnengekomen het schip ELISABETH, kapt. Brouwer. De kapitein veronderstelt, dat de lading in goede staat zal zijn, niettegenstaande hij in het Engels Kanaal slecht weer gehad heeft en heeft moeten pompen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Op de 28e juni 1837, des voormiddags te elf uur, zal in het logement Het Wapen van Zutphen te Harderwijk, ten overstaan van de notaris Mr. C.L. Vitringa, publiek verkocht worden, de inventaris en het op strand bij Harderwijk zittende wrak, genaamd ALBERTINA, gevoerd geweest door schipper N. Backman (opm: buitenlander, zie RC 080637); alles te bezichtigen, twee dagen voor de verkoop, 's morgens van acht tot twaalf uur, en 's namiddags van twee tot zes uur. Nadere informatie te bekomen bij bovengemelde notaris en M.J. Vermeer te Harderwijk, en Hendk. Gullen, makelaar te Amsterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop het wel bezeild gekoperd barkschip de ONDERNEMING, lang, volgens meetbrief, 28 ellen, 12 duimen; wijd 5 ellen, 33 duimen; en hol 4 ellen, 34 duimen, gemeten op 289 tonnen; met deszelfs staand en lopend want, masten, rondhouten, ankers, zeilen, en verdere scheepsgereedschappen, onlangs van Batavia met een lading suiker en koffie te Middelburg geretourneerd en aldaar liggende.
Het voornoemde schip is in 1836 van nieuwe masten voorzien en geheel op nieuw gekoperd.
Nadere informatiën te bekomen ten kantore van de heren Boddaert & Co. te Middelburg.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.K. Potjewijd, van Amsterdam naar Gibraltar, Mogador en Suriname was op 6 juni op de hoogte van Torbay.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) HUNSE, kapt. H.J. Ketelaar, was op 11 juni te Liverpool bezig met een lading voor Harlingen in te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van kapt. B. Draijer, voerende het schip (opm: pink) het SCHOON VERBOND, d.d. Sourabaya 30 januari, was hetzelve de vorige dag in twee dagen van Batavia, aldaar aangekomen om een gedeelte der lading in te nemen en zou dan naar Banjoewangie verzeilen om het overige gedeelte te laden en vervolgens van daar door Straat Bali naar Amsterdam vertrekken; aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. P. Kraay, van Passarouang te Texel binnen, rapporteert, dat op 1 februari met hem van Passarouang vertrokken en op 7 februari Straat Bali is uitgezeild het schip de STAD SCHIEDAM, kapt. K.H. de Boer (opm: fregat, kapt. D.H. de Boer).


  LC - Leeuwarder Courant

IHarlingen. Binnengekomen: den 11 juni de schoenerschepen FLORA, kapt. J. Manning en HOPE, kapt. W. Cousins, beide van Londen.
Den 12 dito de kofschepen GEZINA, kapt. B.A. Visser, de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun en het schoenerschip TRE SOSTRE, kapt. S. Christiansen, allen van Noorwegen.
Den 13 dito het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. R.A. van Laten, van Dantzig (opm: Gdansk), het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J. Giersoe, van Noorwegen.
Den 14 dito het kofschip VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Sunderland.
Den 15 dito het kofschip ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, van Noorwegen.
Den 16 dito het kofschip de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth, van Noorwegen.
Den 17 dito de kofschepen WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, van Noorwegen en JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, van Stokholm, de schoenerschepen LIVELY, kapt. S.H. Finch, FRIENDS, kapt. J. Manning en FAME, kapt. W. Barfield, alle drie van Londen; het
kofschip VRIENDSCHAP, kapt. P.R. Dik, van Noorwegen; het galjasschip CATHARINA, kapt. T. Nieman, van de Oostzee.
Uitgezeild: den 11 juni de schoenerschepen HERO, kapt. W.S. Howard, ORWELL, kapt. R. Cubitt en NORTHAM, kapt. D. Charrosin, alle drie naar Londen.
Den 12 dito de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen, naar de Oostzee, EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, en die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, beide naar Noorwegen.
Den 13 dito het brigantijnschip ACTIVE, kapt. J.L. Meijer, naar Memel (opm: Klaipeda).
Den 14 dito het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, naar Noorwegen; het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. P.W. Drent, naar Hamburg.
Den 15 dito het schoenerschip WAVE, kapt. J. Cummings, naar Newcastle.
Den 16 dito het kofschip de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, naar Noorwegen.
Den 17 dito de kofschepen ZEELUST, kapt. R. Sluik, naar de Oostzee, de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, GEZINA, kapt. B.A. Visser en de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, alle naar Noorwegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een snelzeilende Boot, zo goed als nieuw, groot 5 ton, voorzien van complete zeilen enz. Te bevragen bij de Weduwe Anne E. de Boer te Joure.


21 juni 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 18 juni. Gisteren is hier aangekomen het Nederlandse schip de VROUW HENDRIKA, kapt. H. Zoetelief, vertrokken van Amsterdam de 28e februari.
Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip NEERLANDS INDIE, kapt. J.G. Veening, met vier passagiers, vertrokken van Amsterdam de 14e maart, de dito bark WELTEVREDEN, kapt. J.C.F. Lupcke, met een passagier, vertrokken van Rotterdam de 14e maart, het dito schip de JONGE ADRIANA, kapt. C.F. Hempel, vier passagiers en Zr.Ms. troepen, vertrokken van Rotterdam de 19e januari, en de dito bark NICKERIE, kapt. F.A. Bunnemeijer, vertrokken van Rotterdam de 1e maart.


22 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juni. Brieven uit Curaçao van den 24 april houden in, dat Zr.Ms. brik DE ECHO aldaar den 9 van haar togt naar Barbados, Martinique en Guadeloupe was teruggekeerd, werwaards zij gezeild was om nasporingen te doen omtrent de voortbrengselen van de landbouw, ten einde, zo door vermeerderde kennis der cultuur als door het overbrengen van enige planten, enige meerdere bronnen van welvaart voor genoemde Colonie te openen.
Naar men meende te weten zouden Zr.Ms. transportschepen orders bekomen om, bij gebrek van andere gelegenheid, wol in te laden; ook verwachtte men er Nederlandse schepen, om zout naar het Moederland over te voeren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juni. Den 19 arriveerden te Helvoetsluis AVONTUUR (opm: brik), S. Lams, van Havana, en ligt in quarantaine op de rede; HEBE, M.B. Minolds, van Cette (opm: Sète); JONGVROUW MARIA, J.H. van Wyk en ONRUST, P.R. Huisman, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Kapt. F.J. Hofmann, van Passarouang in Texel binnen, rapporteert gezien te hebben op 12 juni op de hoogte van de Lezard (opm: Lizard) twee schepen, het ene tonende de Bremer vlag No. 106 en het andere de Rotterdamse vlag met No. 153 zijnde die van kapt. H.F. Horneman, voerende het schip JOHANNA CORNELIA, van Rotterdam naar Batavia, en op 17 juni in de Noordzee een schip, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop, met No. 229, zijnde die van kapt. F.H. Trip, voerende het schip PETRUS, van Amsterdam naar Batavia.


23 juni 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Salm, G.J. Roland Holst, A. van der Sluis, J. Corver, J,.H.A. Balwé, A. Salm, B.D. Bosscher, C. Ament en J.H. Lugt, makelaars, zullen op maandag de 3e juli 1837, 's avonds te zes uur, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen een extra ordinair wel bezeild kofschip, genaamd VOLHARDING, gevoerd door kapt. Wouter Leeuwrik; volgens Nederlandse meetbrief lang 22 ellen, 90 duimen; wijd 5 el, 5 duimen; hol 2 el, 18 duimen; en alzo groot 112 tonnen of 59 lasten. Breder bij de inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars. Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop. (opm: zie AH 050737)


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregat KONING DER NEDERLANDEN, kapt. G.W. van Barneveld Kooy.
Adres bij B.D. Bosscher.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip ANNA EN LOUISA, kapt. J.K. de Jong.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman, Schuurman en De Vries en Comp.
Batavia. Het nieuw gekoperd tweedeks barkschip OLIVIER VAN NOOR, kapt. G. de Jong, sluit 18 juni.
Adres bij d’Arnaud en Comp.
Batavia. Het gekoperde tweedeks barkschip OLIVIER VAN NOORD, kapt. J.M.F Flemming. Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en De Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperde tweedeks barkschip CASTOR, kapt. H. de Jong.
Adres bij d’Arnaud en Comp. en J. Corver en Comp.
Curaçao. Het gekoperde tweedeks barkschip ELISABETH MARIA, kapt. E.R. Borchers.. Adres bij E. Windhouwer, De Vries en Comp, en Hoyman en Schuurman.
Suriname. Hat galjootschip DE ANNA EN MARIA, kapt. Daniel Steelveld.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip SOPHIA MARIA, kapt. J. Andresen.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip SOPHIA CECILIA, kapt. B.F. Ipsen.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde tweedeks driemast galjootschip WEST INDIË, kapt. J.J. Boon. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. Pieter Simon Matzen. Adres bij Hoyman en Schuurman.
New York. De gekoperde brik POMONA, kapt. N.R. Brewer van New York.
Adres bij J. Corver en C. van Olivier en Comp. en d’Arnaud en Comp.
Bayonne. Het Nederlands kofschip DE ONDERNEMING, kapt. Geuchje Detmers.
Adres bij Jan Corver en Comp. Vertrekt vóór of op 24 juni.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip DE LEMMER, kapt. Johannes Tammes.
Adres bij C.I. de Grijs en Zoon en J. de Rooy
Lissabon. Het gekoperde Nederlandse sloepschip DE HOOP, kapt. K. Haasnoot.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlandse kofschip HET VERTROUWEN, kapt. Boele Jans Bakker.
Adres bij Van Ulphen en Ruys.
Bremen. Het schip DE VROUW SOPHIA, kapt. B.C. Borchers.
Adres bij de wed. Jan van Wessel en Zoon.
Danzig. Het Nederlandse smakschip HET JONGE JELTJE, kapt. J.F. Posthumus.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Drammen, Christiana en omliggende plaatsen. Het galjootschip LUNA, kapt. L. Backer. Adres bij J. W. Boekhout.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse stoomschip DE BEURS VAN Amsterdam, kapt. J.H. Savert.
Adres bij Blikman en Comp. en de wed. Jan Salm en Meyer, sluit 24 juni.
Koningsbergen. Het Nederlandse kofschip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. H.J. Polter. Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Koningsbergen. Het Nederlandse kofschip DE JONGE YPE, kapt. Jenne P. Teensma.
Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Kopenhagen. Het Nederlandse kofschip MEINSINA, kapt. W.T. Kuiper.
Adres bij da Costa en Bueno.
Lübeck. Het tjalkschip DE VROUW TRIJNTJE, kapt. J.A. Meyer.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlands kofschip ENGELINA, kapt. G.T. Borst.
Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het gezinkte Nederlandse kofschip JOANNA JACOBA, kapt. Dirk Jansz. Bart. Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman. Vertrekt 30 juni.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip DE NIJVERHEID, kapt. Evert E. Hoveling.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Rendsburg, Kiel en Flensburg. Het Nederlandse schip DE VEREENIGDE TROUW, kapt. G.W. Stuit.
Adres J. C. van Oven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. L. Overgauw (opm: L. Overgaauw, hoeker VERTROUWEN), van New York te Helvoet binnen, heeft op 12 juni op de hoogte van de Lezard gepraaid het schip MARIA JOHANNA, kapt. A. van der Weijden, van Vlaardingen naar Port à Port (opm: Oporto).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. W.F. Wessels, van Marseille te Helvoet binnen, heeft op 3 juni op 44º34’ N.B. 14º0’ W.L, gepraaid het schip (opm: kof) JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veer, van Malaga naar Stettin (opm: Szczecin).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: brik) SYLPH, kapt. P.D. Nap, van Rotterdam naar Batavia te Falmouth binnen, heeft op 14 juli de reis vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: fregat) BATO, kapt. J. Keizer, van Dordrecht naar Batavia, is op 5 mei gepraaid op 4º9’ N.B. en 21º55’ W.L, hebbende als toen 21 dagen reis, aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. B.H. Schuring, voerende het schip TRITON, van Amsterdam te New York gearriveerd, meldt van daar op 7 mei, dat hij van 6 februari tot 21 maart aanhoudend westelijke stormen doorstaan had, waarbij de watervaten met de ringbouten uit het dek en overboord geslagen zijn, het schip veel water maakte en men genoodzaakt was de boot weg te kappen en een gedeelte der lading enz. over boord te werpen om het schip te lichten, het overige gedeelte der lading, vreesde men, dat mede beschadigd zoude zijn. Ook de kok was op 27 januari overboord gevallen en verdronken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een extra sterk Kofscheepje, hol groot 57 ton, te bevragen bij de eigenaar K.S. Horjus, te Makkum, alwaar het schip is liggende.


24 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 23 juni. Zijne Majesteit heeft aan de kapitein G.A. Love, voerende de Engelse brik the DOVE, een gouden medaille ter waarde van 25 dukaten verleend, vergezeld van een loffelijk getuigschrift, wegens het, bij gelegenheid van de storm in november (opm: 1836), met behulp zijner equipagie en met levensgevaar redden der manschappen van het verongelukte Nederlandse koopvaardijschip (opm: kof) de LIEFDE, kapt. K.K. Hagedoorn, mitsgaders aan ieder zijner onderhebbende manschappen, die tot redding van de Hollandse zeelieden hebben medegewerkt, een gratificatie van een pond sterling, benevens een vererend getuigschrift.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juni. Den 21 dezer arriveerde te Helvoetsluis GEZIENA, K.K. Wijkmeyer, van Arendsburg (opm: Kuressaare), en JULIE, J. Schildwacht, van Windau (opm: Ventspils).
Den 22 dezer arriveerde WAAKZAAMHEID, J.K. de Weerd, van Riga.
Den 23 dezer zeilde MONNIKENDAM, P.T. Kramer, naar Marseille, en arriveerde CONCORDIA, F.H. Eddes, van Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juni. Den 21 arriveerde in de Maas de VROUW ANNA, A. de Zeeuw Baggus, van Tromsö. De wind N.W.
Den 22 dezer arriveerde GEZINA JACOBA, J.J. Wever, van Riga, en PALLAS, J.G. Holstein, van Baltimore (opm: Zweedse brik, zie RC 220837).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 juni. Den 22 dezer zeilde van Maassluis VROUW JOHANNA, S. Post, naar Lissabon.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 20 juni. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark VLASHANDEL, kapt. H.H. Uil, vertrokken van Rotterdam de 1e maart.


27 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Den 23 dezer arriveerde in de Maas ELISABETH, H. Pothoff, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), en zeilde VROUW HELENA, A.J. Pekelder, naar Noorwegen.
Den 25 dezer zeilde uit de Maas ROTTERDAM, J. Audibert, naar Havre.
Den 26 arriveerde VIER GEBROEDERS, T. Haym, van Embden


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Den 25 dezer arriveerde in Helvoetsluis ALIDA, H.F. Deddes, van Cardiff, de VERWACHTING, T.C. Tanning, van Embden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Het schip CAROLINA EMILIE, kapt. M.H. Blank, was den 17 dezer te Liverpool bezig met een lading voor Amsterdam in te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. H.G. Sap, van Stockholm te Amsterdam gearriveerd, heeft op 16 juni, Texel 23 mijlen ten Zuidwesten van zich hebbende, gepraaid de Papenburger kof CAROLUS, kapt. B.J. Rotgers, in ballast van Bilbao op avontuur.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ZWAANTINA, kapt. Bakker (opm: tjalk VROUW ZWAANTJE, kapt. G.O. Bakker), van Hamburg naar Leeuwarden is op 16 juni te Cuxhaven binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: den 17 juni het kofschip de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, van Noorwegen.
Den 18 dito het kofschip ELISABETH ALIDA, kapt. W.F. Schenk, van Riga.
Den 19 dito het kofschip WILLEM, kapt. H.W. Kiers, van Noorwegen, het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, van Stokton (opm: waarschijnlijk Stockton-on-Tees).
Den 20 dito het galjasschip CATHARINA MAGARETHA, kapt. P. Dade, van Riga.
Den 22 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Newcastle.
Den 24 dito het kofschip PIETER, kapt. J. de Weerd, van Noorwegen.
Uitgezeild: den 18 juni de schoenerschepen UNION, kapt. H.B. Disney, FLORA, kapt. J. Manning, HOPE, kapt. W. Cousins, alle drie naar Londen en TRE SOSTRE, kapt. S. Christiansen, naar Noorwegen; de kofschepen ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, naar Noorwegen, GROOT LANKUM, kapt. J.O. Stuut, naar Christinastad en de VOLHADING, kapt. E.T. Eekmeijer, naar Arbroath.
Den 20 dito het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J. Giersoe, naar Noorwegen.
Den 21 dito de smakschepen de HERSTELLING, kapt. H.H. Potjer en VIGILANTIA, kapt. S.E. de Ruiter, beide op avontuur.
Den 22 dito de kofschepen de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth en WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, beide naar Noorwegen.
Den 23 dito de kofschepen de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, naar Noorwegen en ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, naar Newcastle.


28 juni 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 24 juni. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip J.C.J. VAN SPEIJK, kapt. M.A. Smits, vertrokken van Rotterdam de 14e maart.


29 juni 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Gedurende de maand mei jongstleden zijn door het Kanaal van Voorne gevaren 152 zeeschepen, als 85 te Helvoetsluis binnengekomen en 67 uitgezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Den 27 dezer zeilden van Maassluis JANTINA PETRONELLA (opm: kof), B.P. Kolk, naar Arendsburg (opm: Kuressaare), en EENDRACHT (opm: tjalk), G.R. Kolder, naar Hamburg, en arriveerde VRIENDSCHAP, P.N. Huizing, van Arendsburg (opm: Kuressaare). De wind N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Kapt. S. van Delden Az. (opm: bark JAVA’S WELVAREN), van Batavia in Texel binnen, heeft den 25 februari, in Straat Sunda bij St. Nicolaaspunt, gepraaid het schip (opm: fregat) de OCEAAN, kapt. P. Zunderdorp, van Rotterdam naar Batavia; den 3 maart even buiten Straat Sunda de schepen (opm: brikken) de NOORD, kapt. J.A. Weyerbusch, en de NIJVERHEID (opm: brik), kapt. T.J.J. Bouman, beide den 17 februari van Batavia naar Rotterdam vertrokken, en den 8 april, op de hoogte van de Algoabaai, gezien het schip (opm: bark) ANTOINETTE MARIA, kapt. H.B.C.H. Ruisch, van Passaroeang naar Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Kapt. A.F. Oosterloo (opm: fregat IJSTROOM), van Batavia in Texel binnen, heeft op de hoogte van Wight gepraaid het schip NICOLAAS WITZEN (opm: galjoot NICOLAAS WITSEN), kapt. F. Lange, van Suriname naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Kapt. M.B. Minolts, van Cette (opm: Sète) te Rotterdam gearriveerd, heeft den 2 dezer op 33º31’ N.B. en 140º12’ W.L. van Greenwich (opm: lengte onjuist) gezien een brik, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop met no. 284, zijnde die van kapt. R. Dekker, voerende het schip (opm: brik) de ONDERNEMING, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Het schip (opm: hoeker) de TWEE GEBROEDERS, kapt. L. den Breems, van Rotterdam naar New-York, is den 5 dezer gepraaid op 50º N.B. en 14º W.L


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Het schip BANTAM, kapt. C. Schoewerts, van Batavia naar Rotterdam, is den 19 mei gepraaid op 8º15’ N.B. en 23º58’ W.L.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juni. Het Belgische schip FLORA, kapt. J. van Lickmers (opm: brik, bouwjaar 1830, thuishaven Antwerpen; kapt. Jacob Rickmers), voor Manilla bestemd, is in de nacht van den 19 op 20 februari, ter rede van Matzalan (opm: Mazatlan, westkust Mexico) liggende, tot op het water afgebrand. Van 13.000 piasters die zich aan boord bevonden zijn slechts 2797 stuks teregt gekomen.


30 juni 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Den Haag, 27 juni. Gister is alhier van de kust van Guinea teruggekomen de generaal Verveer, welke indertijd naar genoemde kust is gezonden om vriendschappelijke betrekkingen met de inboorlingen aldaar aan te knopen en ook met het oogmerk om een zeker aantal negers als soldaten voor Java aan te werven. De generaal moet volkomen in zijn zending geslaagd zijn, en ter beantwoording van het door de Koning aan het opperhoofd der Ashantijnen gedane geschenk een schone leeuw en enige andere dieren des lands hebben ontvangen, terwijl met de generaal een neger moet zijn overgekomen, hoedanige er 1500 naar Java zouden zijn gezonden. Tevens zijn, zo men verneemt, met dezelve meegekomen twee prinsen, zonen van de koning der Ashantijnen, die alhier hun opvoeding zullen ontvangen.
Het kan niet dan aangenaam en belangwekkend zijn te vernemen dat de betrekkingen tussen Nederland en de Goudkust alzo op een zeer gunstige voet staan en voor het vervolg van nog gewichtiger aard dan tot dusverre beloven te worden, te meer daar de invloed van andere handelsdrijvende staten op daaromtrent gelegen streken, inzonderheid naar Madagascar, steeds uitgebreider wordt.


01 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Alhier zijn aangebragt de Javasche Couranten tot den 4 maart.
Den 23 februari heeft Z.K.H. Prins Willem Frederik Hendrik zich weder, onder de bepaalde eerbewijzingen, aan boord van Zr.Ms. fregat BELLONA begeven, en den 25, vergezeld van Zr.Ms. brik DE SNELHEID, de reis naar de Molukko’s voortgezet. (opm: bekort)
Uit de laatstelijk ontvangen bijzondere berichten van Batavia verneemt men, dat Z.K.H. Prins Willem Frederik Hendrik, waarschijnlijk, niet voor in de maand mei van het volgende jaar in het vaderland zal terugkeren.
Men verneemt met genoegen, als een bewijs van de toenemende productie van het vruchtbaar eiland Java, dat de uitvoer van rijst in het verleden jaar veel groter is geweest dan vroeger. Het blijkt uit officiële opgaven bij het departement van de inkomende en uitgaande regten, dat in 1836 van Java is uitgevoerd 36.420 koyangs (opm: à 1 last = 1976 kg), zijnde de grootste hoeveelheid tot dusver bekend, en bijna 11.000 koyangs meer dan in 1835.
Straat Sunda zijn doorgezeild de Nederlandse schepen NIJVERHEID en DE NOORD naar Rotterdam.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. fregat DIANA, stoomschip WILLEM DE EERSTE, brik ORESTES, en roeikanonneerboot No. 15; civiele schoener POSTILLON; Nederlandse schepen MEDORA, PALEMBANG en HERMINA;
brik CLEMENTINE; barken DE JAVAAN, INDIAAN en DE ONDERNEMING; schoeners HAPSOEN, GOANSOEN, CALYPSO en OMEGA; kotter TOLERANTIE;
Amerikaanse schepen MERCHANT, ALASCO en PROPONTIS, schoener THEODORA.
Van Batavia zijn gezeild de Nederlandse schepen DANKBAARHEID AAN DE NEDERLANDSCHE HANDEL-MAATSCHAPPIJ, naar Rotterdam, en OCEAAN naar Soerabaya.
Van Samarang is gezeild de Nederlandse bark KOLONEL KOOPMAN naar Soerabaya.
Te Soerabaya lagen den 22 februari ter rede Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW, stoomschip HEKLA en brik SIWA, schoeners SIREEN, KROKODIL, JANUS, CASTOR en ANADYOMENE; Nederlandse schepen SINGAPOERA, JOHANNA FREDERIKA, L’ESPERANCE, SUMATRA, ERICH, ELEONORA, MIDDELBURG, HELENA CHRISTINA en PRINSES MARIANNE; stoomboot VAN DER CAPELLEN; brikken TEKSING, ONDERNEMER, ALIE OESOOR, DE HOOP, TWEE GEBROEDERS en TWEE GEZUSTERS; barken JANE, FATAL KARIEM, VILLA, CAROLINA EN JACOBA, en TALSUM; schoeners SINGBRE, CORINGA, IRIS, CAROLINA en MARY;
Engels schip LADY NUGENT en Amerikaans schip HENRY TAKE.
Van Soerabaya zijn vertrokken de Nederlandse schepen NEDERWAARD en MARY EN HILLEGONDA naar Nederland.
Te Banjoewangie zijn gearriveerd de Nederlandse schepen RIO-DE-JANEIRO-PAKET en HET SCHOON VERBOND van Soerabaya.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Den 29 dezer zeilden van Helvoetsluis VASCO DA GAMA, J.H. Zeeman, naar Batavia; KLAZINA EN DIRKJE, A. Schilperoord, naar Lissabon, en arriveerden BANTAM, C. Schoewert, en DRIE MARIA’S, J. Glazener, van Batavia, en GANGES, J.W. Potter, van Charleston. De wind N.N.O.
Den 30 zeilde MARIA, E. Pekelder, naar Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Den 29 dezer zeilden van Maassluis VROUW IKINA, G.J. Postema, naar Libau (opm: Liepaja), HILLEGINA, W.K. de Wijk, en DE VROUW JANTJE, G.H. Jonkhoff, naar … (opm: niet vermeld); ELIZABETH, H.H. Pot, naar Elseneur (opm: Helsingör), en het VERTROUWEN, L. Overgaauw, naar Riga.
Den 30 dezer zeilde JONKVROUW ELIZABETH, H.L. Heres, naar Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. De schepen (opm: koffen) HILLEGONDA IDA, kapt. H.A. Hendrik, van Amsterdam naar Suriname, en WENDELINA, kapt. H.J. Mulder, van Rotterdam naar Nantes, waren den 22 dezer op de hoogte van Dungeness.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 juni. Te Rio-Janeiro was den 22 april bezig met laden het schip KATARINA JOHANNA, kapt. J.E. Schneebeke, voor Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop het welbezeild gekoperd barkschip DE ONDERNEMING, lang volgens meetbrief 28 ellen 12 duimen, wijd 5 ellen 33 duimen, en hol 4 ellen 34 duimen, gemeten op 289 tonnen, met deszelfs staand en lopend want, masten, rondhouten, ankers, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, onlangs van Batavia met een lading suiker en koffij te Middelburg geretourneerd en aldaar liggende. Het voornoemde schip is in 1836 van nieuwe masten voorzien en geheel opnieuw gekoperd. Nadere informatiën te bekomen ten kantore van de Heren Boddaert en Co, te Middelburg.


02 juli 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNA ADELHEID, kapt. G.J. Wesseling (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Southampton naar Newport te Cowes binnen, heeft op 25 juni de reis voortgezet.


04 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 3 juli. Door de Staatsraad ad interim met de directie van het departement van financiën belast, wordt ter kennis van een ieder die daarin mogt belangstellen worden gebragt, dat er voortaan gelegenheid zal zjn om van hier, door tussenkomst van ’s Rijks postkantoren, brieven of drukwerken naar Italië, Griekenland en de Levant, over Marseille, en verder met de Franse stoompaketboten in de Middellandse Zee, te verzenden, mits het verlangen, dat die wijze van verzending bij voorkeur gevolgd worde, en tegen betaling ener gedwongen frankering, waaromtrent de nodiger informatie op de postkantoren te bekomen is. De havens welke door deze stoompaketboten geregeld driemaal iedere maand regtstreeks worden aangedaan, zijn de volgende: AlexandrIë, Athene, Civita Vecchia, Konstantinopel (opm: Istanbul), Livorno, Malta, Marseille, Napels, Smyrna (opm: Izmir) en Syra (opm: Ermoepolis, Siros eiland); echter kunnen ook brieven voor andere plaatsen, die in hetzelfde land zijn gelegen, op gelijke wijze verzonden worden.
Het vertrek dezer boten uit Marseille is bepaald op den 1e, 11e en 21e, en haar aankomst in die haven op den 5e, 15e en 25e van elke maand.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Zodra het bekend was dat Z.M. de koning Rotterdam met een bezoek zou vereren, zag men van alle kanten toebereidselen maken om Hoogstdenzelve op een plegtige wijze te ontvangen.
Omstreeks half twaalf ure kwam Z.M. van Middelburg hier aan, aan boord van het stooomjacht DE LEEUW en onder het bulderen van het geschut van verscheiden schepen, die als met vlaggen overdekt op de Maas voor de stad ten anker lagen, en waaronder men voornamelijk de HENDRIKA (opm: fregat) en de BANTAM (opm: bark) van de heren A. van Hoboken en Zonen, de MACASSAR (opm: fregat) van de heren J.B. Donnet en Co, en een brik van de heer N.J. de Cock onderscheidde. Na aan ’s Rijks werf afgestapt en aldaar door Z. Excell. de Heer Staatsraad, Gouverneur der provincie, en de Heer vice-admiraal, jonkheer Rysch, en een commissie uit de Stedelijke Regering ontvangen te zijn, begaf zich de koning naar het stadhuis. (opm: bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Vrijdag ochtend (opm: 30 juni) is de Hollandse haringjager (opm: sloep) MARS, kapt. J. Metzon, regtstreeks uit de Noord Zee met nieuwe haring te Hamburg aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Den 1 dezer arriveerden te Helvoetsluis MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, van Bergen; HENDRIKA ARENTINA, A.H. Breeland, van Pernau (opm: Pärnu), en DANIEL MERIUS, J.B. Butter, van Libau (opm: Liepaja).
Den 2 dezer zeilde VROUW ANNA, W. de Zeeuw Baggus, naar Tromsö; hij kwam bij de Goereese haven ten anker.
Den 3 dezer arriveerde ELIZA, P.E. Ahrens, van Baltimore; JONGE TJARK GIEZEN, L. Sok, van Libau (opm: Liepaja), en MARIA EN ADRIANA, P. Jansen, van New-York.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Den 1 dezer arriveerde in de Maas GOEDE HOOP, H.B. de Jonge, van Drammen, en ROELINA JELTINA, D.H. Puister, van Bergen.
Den 2 dezer arriveerde de eerste haringjager met 20 ton. De wind N.N.O. en N.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Den 2 dezer zeilde van Maassluis METTINA JANTINA (opm: kof), kapt. H.H. Koster naar Liverpool.
Den 2 dezer zeilde ONRUST, P.R. Huisman, naar Riga.
Den 3 dezer arriveerde de Maassluise haringjager met 101 ton (opm: schipper J. van Rossen; hij had den 1 dezer O.t.Z. 7-12 mijl van Texel, in goede staat zeilende gepraaid de kof ONDERNEMING, kapt. Jongebloed, van Rotterdam naar Riga bestemd).


 GRC - Groninger Courant

Rendsburg, den 26 juni. Aangekomen VRIENDSCHAP, kapt. H.J. Dik, van Groningen naar de Oostzee (opm: eerste reis van deze hektjalk).


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 26 juni het kofschip IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, van Noorwegen, het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, van Londen, de kofschepen JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok en de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, beide van Noorwegen.
Den 27 dito de kofschepen MAGRIETA, kapt. H.J. Veen en de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, beide van Noorwegen, het schoenerschip HERO, kapt. W.S. Howard, van Londen; het kofschip HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, van Noorwegen; het schoenerschip ORWELL, kapt. R. Cubitt, van Londen.
Den 28 dito het kofschip de HOUTHANDEL, kapt. D.M. de Grooth, van Noorwegen.
Den 29 dito het brikschip WILHELM FRIDRICH, kapt. S.H. Parr en het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, beide van Noorwegen.
Den 30 dito het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, van Sunderland, het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, van Noorwegen.
Uitgezeild: Den 25 juni de schoenerschepen LIVELY, kapt. S.H. Finch, FRIENDS, kapt. J. Manning, FAME, kapt. W. Barfield, alle drie naar Londen, en MAGNET, kapt. E.L. Cooper, naar Dundee.
Den 27 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Leith; het kofschip WILLEM, kapt. H.W. Kiers, naar Noorwegen.
Den 28 dito het kofschip JAN FREERK, kapt. G.H. Smit en het galjasschip CATHARINA, kapt. C. Niemann, beide naar Riga.
Den 29 dito het galjasschip CATHARINA MARGARETHA, kapt. P. Dade, naar Riga.
Den 30 dito de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. E.P. Dik en ELISABETH ALIDA, kapt.
W.F. Schenk, beide naar Noorwegen.


05 juli 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag de 3e juli 1837: het welbezeild kofschip de VOLHARDING, kapt. Wouter Leeuwrik: NLG 9.700, in slag NLG 100: Opgehouden. (opm: het schip werd alsnog verkocht en ging als ALETTA ELISABETH weer in de vaart onder kapt. R.J. Wever)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 3 juli. De 30e passato is hier aangekomen de Nederlandse bark MARIA, kapr. D, Keus, met enige passagiers, de 6e april vertrokken van Rotterdam.
De 1e dezer is hier aangekomen het dito schip het GOEDE VERTROUWEN, kapt. W.B. Bakker, met enige passagiers, de 14e april vertrokken van Rotterdam.
De 2e juli is hier aangekomen het dito schip DILIGENCE, kapt. H. Bos, met 5 passagiers, de 5e maart vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen het dito schip BROEDERTROUW, kapt. J.H. Hazewinkel, de 6e april vertrokken van Dordrecht.


06 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Zondag (opm: 2 juli) heeft de koning de stad Vlissingen bezocht, waar vele toebereidselen tot zijn komst waren gemaakt. Van daar is Hoogstdezelve, aan boord der stoomboot DE SCHELDE, naar Breskens en Terneuzen gevaren, waar het esquader, rijk met vlaggen versierd, geschaard lag.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. De haringvisserij, die wegens deze provincie (opm: Zuid-Holland) met 117 schepen gedreven is, waarvan 110 in de Vereeniging der Reederijen hebben deelgenomen, heeft een vrij goede uitslag gehad, zijnde de vangst op 2900 lasten, dus 700 meer dan die van 1835, berekend.
Uit Rotterdam merkt men op, dat de verzending van verse kabeljaauw en schelvis, door middel der stoomvaartuigen, zeer aanmerkelijk is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Den 2 dezer is uit Texel gezeild naar de Middellandse Zee Zr.Ms. exercitie-smaldeel, onder bevel van de kapitein-ter-zee Machielsen, bestaande uit het fregat ALGIERS, kapt-luitenant-ter-zee Ebeling, de corvetten AMPHITRITE, kapitein Tengbergen, en HIPPOMENES, kapitein Moll, brik PEGASUS, kapitein Boelen, en het stoomschip CURAÇAO, luitenant-ter-zee der 1e klasse Coersen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Den 3 dezer arriveerden te Helvoetsluis WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, en ARCHIBALD, J.C. Wendt, van Riga; T.J.C. DE GULDE CRONE, P.C. Bunning, van Libau (opm: Liepaja), ANNA GERMANIA, A.W. Bakker en JOHANNA GEZIENA, P.G. Schuur, van Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Schipper I. Hervens van de loodsboot no. 7, den 4 dezer in de Maas gearriveerd, rapporteert den 30 juni in het Kanaal twee loodsen gegeven te hebben aan het schip ’s GRAVENHAGE, kapt. D.J. Bulsing, van Batavia.
Nog rapporteert gemelde schipper, den 28 juni gepraaid te hebben bij de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) kapt. F. Matthysen, voerende het schip (opm: fregat) ANTHONY, aan welks boord alles wel was, hebbende wind O.N.O; ook passeerde hij dezelfde dag het schip (opm: fregat) CANTON, en den 1 dezer, bij de Singels, het schip (opm: fregat) VASCO DA GAMA.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. In Texel is binnengekomen Zr.Mz. stoomschip CURAÇAO, luitenant-ter-zee der eerste klasse Coersen, uit de Noord Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 5 juli. Het schip de (opm: kof) JONGE MARIA, kapt. E.J. Hoogerhuizen, van Suriname naar Amsterdam, was den 26, en de schepen ZUID-HOLLAND (opm: fregat), kapt. L. Heykoop, van Passaroeang naar Rotterdam, en VREDE EN HOOP (opm: kof), kapt. F.G. Mellema, 50 dagen reis hebbende van Fernambuck (opm: Pernambuco = Recife) naar Amsterdam, waren den 28 juni op de hoogte van Falmouth.


  AH - Algemeen Handelsblad

De stand der nationale scheepvaart gedoogt een alleszins gunstige vermelding. Die naar de Oost-Indiën geschiedt bijna uitsluitend onder Nederlandse vlag, terwijl die naar den West-Indische koloniën geheel en al met onze eigen bodems wordt gedreven.
Het afgelopen jaar kenmerkte zich daarenboven door voortdurende en steeds toenemende aanbouw van schepen, waarvan er onderscheidene voor de grote vaart te Rotterdam, Dordrecht en Amsterdam worden te water gelaten en andere op stapel gezet, hetwelk onder andere te Amsterdam in de aanvang van dit jaar met twaalf tegelijk, ter gezamelijke grootte van 4.285 lasten plaats had.
(uit het verslag van Gedeputeerde Staten van Zuid- en Noord Holland over 1836, alleen maritiem-relevante passage opgenomen)


07 juli 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. C. Zunderdorp, als last hebbende van zijne Principalen, en daartoe behoorlijk gecommitteerd, is van mening op maandag den 17 juli a.s. des avonds ten zes ure, in het Logement de Lindeboom, aan Den Burg op het Eiland Texel, door een bevoegd Beambte, om kontant geld, ten overstaan van de Heren Opperstrandvonders, te doen verkopen: 98 hele, halve en kwart pijpen (opm: langwerpig vat waarin men vloeistoffen verzendt) Teneriffe Wijn, en vervolgens, als boven op het Eiland Vlieland, in het Logement het Schippershuis, op donderdag den 20 juli, des avonds ten 6 ure, 72 Hele, halve en kwart pijpen, benevens enige kleinere fusten Teneriffe Wijnen.
Alle zo gezond als beschadigd, geborgen uit de lading van het Engelse schip de MARIA, wijlen kapitein Alexander M. Marron, van Teneriffe naar Hamburg gedestineerd, den eerste mei j.l. op de Noorderhaaks gestrand en verbrijzeld, zullende bovengemelde wijnen twee dagen vóór en op de verkoopdagen, voor een ieder te zien zijn terwijl nadere informatien te bekomen zijn bij de Wel Edele Heren A. Horstman & Co, Kooplieden te Amsterdam en bij Zunderdorp & Ran, te Texel, mits brieven franco.
NB. Ten gerijve der gegadigden, zal des daags na de gehoudene verkoping te Texel, van daar een vaartuig naar Vlieland vertrekken, na wiens aankomst de verkoping een aanvang zal nemen.


08 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juli. Den 6 dezer arriveerde te Helvoetsluis de TWEELINGEN DANIEL EN WILCO, H.F. Klein, van New-York, en zeilde Zr.Ms. stoomboot CERBERUS (opm: ter assistentie van het inkomende fregat ’s GRAVENHAGE)
Den 7 arriveerde ’s GRAVENHAGE, D.J. Bulsing, en TALMA, W. Thomas, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juli. Den 7 dezer arriveerde in de Maas JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, van Jersey.
Den 8 deze zeilde VROUW MAGDALENA, M. van der Putten, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juli. Kapt. T. Lange, van Suriname te Amsterdam gearriveerd, heeft den 11 mei bij Bramspunt (opm: Braamspunt, 05º57’ N.B. 55º09’ W.L.) gezien het schip KATARINA, kapt. H.H. Bakker, van Amsterdam en Mogador (opm: Essaouira, Marokko) naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 juli. Het schip (opm: fregat) WILLEM ERNST, kapt. H. Wittebol (voor wijlen kapt. P.J. Claassen), van Passaroeang naar Amsterdam, was den 23 juni op de hoogte van Scilly.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 5 juli. Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip RHOON EN PENDRECHT,kap¨t. A. Schaap, met diverse passagiers, de 12e april vertrokken van Rotterdam, het dito schip GENERAAL CHASSÉ, kapt. M. Harkema, met een passagier, de 12e april vertrokken van Rotterdam, het dito schip SCHELDE, kapt. C.M. van Dijcke, de 12e april vertrokken van Rotterdam, en het dito schip BATAVIER, kapt. J.F. Scharper, de 13e maart vertrokkken van Rotterdam.


11 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juli. Het schip die ZWEI GEBRÜDER, kapt. H. Melchert, met raapzaad van Stralsund naar de Zaan, is, volgens brief van Tonningen (opm: Tönning) van den 2 dezer, na op de Eider gestoten te hebben, zwaar lek te Tonningen terug gekomen; de lading zou nog die dag worden gelost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juli. Het schip HET VERTROUWEN, kapt. C. Zaal, van Amsterdam naar Suriname, was den 29 juni op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juli. Het schip DEBORA, kapt. R.S. Oldendorp, van Livorno naar Amsterdam, te Corunha binnen, zou den 26 of 27 juni gereed worden om de reis voort te zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 juli. Volgens brief van kapt. B. Drayer, voerende het schip het SCHOON VERBOND, in dato Banjoewangie den 27 februari, was hij toen gereed om van daar naar Amsterdam te vertrekken; aan boord was alles wel. (opm: zie AH 311037)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Rotterdam ligt in lading naar Batavia, het snelzeilend Nederlands gekoperd Fregatschip KORTENAER, kapt. A. Glazener; hetzelve heeft uitmuntende inrigtingen voor de overvoer van passagiers en voert een bekwaam scheeps-doctor. Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuyzen en bij de kapitein.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) STAD EN LANDE, kapt. T.D. Leeuw, van Odessa naar Algiers, is na te Algiers afgewezen te zijn, te Port Mahon binnengelopen om quarantaine te houden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen ANNEGINA (opm: kof), kapt. W.W. Patje, van Bremen naar Stockholm, en de VRIENDSCHAP, kapt. M. Wijbes, van Bremen naar de Oostzee, zijn op 30 juni wegens tegenwind te Cuxhaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) de VROUW PETRONELLA, kapt. J.A. de Boer, van Neufeld naar Osterrisör, laatst van Cuxhaven is op 8 juli te Cuxhaven uit zee teruggekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) ALIDA IKINA, kapt. W.A. de Jonge, van Mistley naar Londen, is op 8 juli te Harwich binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) DE JONGE IDA'S, kapt. R.R. Keizer, van Bayonne naar Kopenhagen, was de 7 en het schip (opm: fregat) OLIVIER VAN NOORT, kapt. G. de Jong, van Amsterdam naar Batavia, op 8 juli op de hoogte van de Lezard.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof CATHARINA, kapt. E.R. Huisman, van Amsterdam op 17 mei te Demarary gearriveerd, is volgens brief van daar van 19 mei op de hoogte van Madeira door een zware storm belopen en daardoor genoodzaakt geworden, om beide masten te kappen, volkomen dicht gebleven zijnde, veronderstelde men dat de lading in goede staat zou zijn.


 GRC - Groninger Courant

Den 30 juni de Sont gepasseerd de VREDE (Groningen), J.J. Greeven van Dantzig naar Edam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 2 juli 1837 het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, de smakschepen de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen en de JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, alle drie van Noorwegen; het kofschip JACOBA HAZEWINKEL, kapt.J.G. Boon, van Memel (opm: Klaipeda).
Den 3 dito het kofschip de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, van Noorwegen.
Den 4 dito de schoenerschepen FLORA, kapt. J. Manning en HOPE, kapt.W. Cousins, beide van Londen, de kofschepen GEZINA, kapt. B.A. Visser, GEZINA, kapt. J.F. de Boer, ELIZABETH MARIA, kapt. J.A. Keun en het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, alle vier van Noorwegen.
Den 5 dito het kofschip EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, van Noorwegen, de schoenerschepen UNION, kapt. H.B. Disney en LIVELY, kapt. S.H. Finch, beide van Londen.
Den 7 dito het galjasschip HARMONIE, kapt. P. Permien, van Riga, het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Sunderland, de schoenerschepen FAME, kapt. W. Barfield en FRIENDS, kapt. Manning, beide van Londen.
Den 8 dito het smakschip de VERWAGTING, kapt. J. Eijlers, van Noorwegen, de kofschepen ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, van Memel (opm: Klaipeda), en de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth, van Noorwegen.
Uitgezeild: Den 2 juli de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, HERO, kapt. W.S. Howard en ORWELL, kapt. R. Cubitt, alle drie naar Londen.
Den 3 dito het kofschip PIETER, kapt. J. de Weerd, naar Noorwegen.
Den 4 dito de kofschepen JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert en HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, alle vier naar Noorwegen.
Den 5 dito het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. R.A. van Laten, naar Hamburg.
Den 6 dito de kofschepen IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Grooth en ARENDINA, kapt. H.D. de Grooth, alle vier naar Noorwegen, het brikschip WILHELM FRIDRICH, kapt. S.A. Parr, naar Noorwegen, het tjalkschip de VROUW SOPHIA, kapt. B.J. Borchers, naar Bremen.


12 juli 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 9 juli. De 7e dezer is hier aangekomen het Nederlandse schip KONINGIN DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sikes, met een passagier, de 16e maart vertrokken van Dordrecht.
Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip VRIENDSCHAP, kapt. W.H. de Boer, de 13e maart vertrokken van Amsterdam, en het dito schip PRESIDENT SCHIMMELPENNINCK, kapt. A. Nanning, met zes passagiers en Zr.Ms. troepen, de 6e februari vertrokken van Amsterdam.


13 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 11 juli. Zr.Ms. corvet HELDIN zal door de directie der marine te Helvoetsluis in het openbaar worden verkocht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Kapitein B.B. Kunh (opm: B.B. Keun), in het Vlie binnen, rapporteert dat, daar kapt. B.H. Pott (opm: B.H. Pot, eigenaar van de kof JOHANNA MARGARETHA), den 7 juni laatstleden (opm: 7 mei 1837), 6 mijlen N.O. ten N. (opm: N. ten W.) van Tielalster (opm: bedoeld wordt het Deense eiland Falster), op de uitreis is overleden, hij vervolgens met het schip JEREMIAS de reis heeft vervolgd.
(opm: Kapt. Pot was met de JOHANNA MARGARETHA onderweg van Amsterdam naar Pernau. Hij overleed aan boord en werd op 10 mei 1837 op het Lastninger kerkhof begraven. Kapitein B.B. Keun voerde de resterende periode van 1837 het commando over de JOHANNA MARGARETHA en voer met de meeligger JEREMIAS naar Pernau. Bij terugkomst op Vlieree volgde de rapportage over Pot's overlijden).

RC 130737
Rotterdam, 12 juli. Den 11 dezer zeilde van Helvoetsluis JONGE JACOB, F. Smitz, naar Antwerpen, en GODEN MOEDER, P. Soeberg, naar Drammen.
Volgens rapport der zeeloodsen is voor de wal, met loodsen aan boord, het schip ZUID-HOLLAND, kapt. L. Heykoop, van Batavia, binnengesleept zijnde door Zr.Ms. stoomboot CERBERUS. De wind N.O.
Den 12 dezer zeilde VROUW ELIZABETH, C. van Gelderen, naar Cadix.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Den 11 dezer arriveerde in de Maas GOEDE HOOP, M.J. de Jonge, van Libau (opm: Liepaja).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Den 11 dezer zeilde van Maassluis UDONIA, W.P. Wessels, naar de Oost Zee.
Den 12 dezer zeilden ANNA CATHARINA, O. Houwink, naar Elseneur (opm: Helsingör), en HARMONIE, C.J. Reus, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Kapitein B.B. Kunh (opm: B.B. Keun), in het Vlie binnen, rapporteert dat, daar kapt. B.H. Pott (opm: eigenaar van de kof JOHANNA MARGARETHA), den 7 juni laatstleden, 6 mijlen N.O. ten N. van Tielalster, op de uitreis is overleden, hij vervolgens met het schip JEREMIAS de reis heeft vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Het schip de JONGE JACOB, kapt. W. Hasebeek, van Anklam naar Amsterdam, is den 5 dezer, wegens het broeijen der lading, te Cuxhaven binnengelopen; zou lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 12 juli. Het schip de DRIE VRIENDEN, kapt. J. Sipkes Feykesz, van Oleron naar Amsterdam, is den 29 juni, op 6º46’ W.L. gepraaid door de poststoomboot RAMONA, den 30 dito van de Gronden (opm: het ondiepe gedeelte van de Atlantische Oceaan voor de ingang van Het Kanaal; ruwweg het gebied binnen de 100 vademlijn) te Falmouth teruggekomen.


15 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juli. Den 12 dezer arriveerde te Helvoetsluis de VROUW ANNA, N. Wilkens, van Cuxhaven.
Den 13 dezer arriveerde LUCETTA CAROLINA, T.M. Gnodde, van Marennes. De wind W.N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juli. Den 12 dezer arriveerde in de Maas VROUW MARGARETHA, C.H. Lutken, en VROUW CHRISTINA, H.O. Christians, van Stralsund.
Den 14 dezer zeilde TWEE GEBROEDERS, S.J. Jaski, naar de Oost Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juli. Den 12 dezer zeilde van Maassluis CORNELIUS DASSE VIËTOR, H.H. Bosker, naar Nerva.
Den 14 dezer zeilde JONKVROUW MARIA, J.H. van Wijk, naar …. (opm: niet vermeld).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juli. Uit Texel is gezeild Zr.Ms. brik PELLIKAAN, luitenant der eerste klasse Stort, naar de Noord Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 juli. Het schip de EENSGEZINDHEID, kapt. J.N. van Duinen, was den 7 dezer te Cardiff bezig met een lading voor Amsterdam in te nemen.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In het laatst van deze maand zal op een nader te bepalen dag publiek worden verkocht de onder Nederlandse vlag varende schoener DIANA, ladende 60 koijangs, met diens inventaris, zo als dezelve thans ter dezer rede is liggende, zijnde de inventaris en verdere bescheiden, dit vaartuig regarderende, ter inzage van gegadigden gedeponeerd bij het vendu-kantoor alhier.
Batavia, 14 juli 1837, Van Dasten, q.q., T.H. Zimmerman q.q.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 12 juli. Gisteren is hier aangekomen de Nederlandse brik MARGARETHA CATHARINA, kapt. J.H. Schippers, met twee passagiers, de 5e april vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip PHILOMENE, kapt. F.P. Hoed, de 16e maart vertrokken van Rotterdam.


18 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 juli. Den 14 dezer arriveerden te Helvoetsluis ARENT EN ELIZA, L.H. Draayer, van Baltimore; de HOOP, G. Siebertz, van Cuxhaven; NIJVERHEID, P.H. Puister, van Oleron, en MARGARETHA SUSANNA, D.J. Warnekes, van Grevelingen.
Den 15 dezer arriveerde MERCUUR, W. Harkema, van Marennes.
Den 16 dezer arriveerden MERCURIUS, J.C.R. Fonk, VRIENDSCHAP, R.R. Sap, en COMMERCE, J.E. Kwakenburg, allen van Marennes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Roterdam, 17 juli. Den 15 dezer zeilde van Maassluis ROELINA JELTINA, D.H. Puister, naar Christiansand.
Den 16 dezer zeilde WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, naar Libau (opm: Liepaja).


  RC - Rotterdamsche Courant

Roterdam, 17 juli. Uittreksel uit de Lloydslijst van den 15 juli:
Men schrijft uit New-York, den 21 juni, dat de (opm: kof) HENDRIKA, Van Wijk (opm: HINDERIKA, kapt. H.D. van Wijk), van Rotterdam naar Philadelphia gedestineerd, op Raddy’s Island Beach, Noord Carolina, is verongelukt. (opm: zie RC 220737 en 270737)


 GRC - Groninger Courant

Den 7 juli de Sont gepasseerd VROUW JACOBA (Pekela), H.R. Grimminga, van Riga naar Zaandam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 10 juli 1837 het tjalkschip CATHARINA MARGARETHA, kapt. B. Bomker, van Carolinerzijl (opm: Carolinensiel).
Den 11 dito het kofschip de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, van Noorwegen.
Den 13 dito het kofschip WILHELMINA, kapt. R.K. Visser en het schoenerschip MINERVA, kapt. L. Ellefsen, beide van Noorwegen.
Den 14 dito het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, van Sunderland.
Den 15 dito de kofschepen de HUNSE, kapt. H.J. Ketelaar, en de JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, beide van Liverpool, de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, HERO, kapt. W.S. Howard en ORWELL, kapt. R. Cubitt, alle drie van Londen.
Uitgezeild: Den 9 Juli de schoenerschepen HOPE, kapt. W. Cousins, FLORA, kapt. J. Manning en UNION, kapt. H.B. Disney, alle drie naar Londen.
Den 10 dito de smakschepen de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen en de JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, beide naar Noorwegen, het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, naar Stokton (opm: waarschijnlijk Stockton-on-Tees); het kofschip JACOBA HAZEWINKEL, kapt. J.G. Boon, naar Memel (opm: Klaipeda).
Den 11 dito het jachtschip JULIE, kapt. R.R. Wulf, naar Leith, het tjalkschip HELENA JACOBA, kapt. B.J. Davids, naar Hamburg.
Den 12 dito de kofschepen H & Z, kapt. S.K. de Vries, naar Havannah, de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra en GEZINA, kapt. B.A. Visser, beide naar Noorwegen.
Den 13 dito het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, de kofschepen de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun en EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, alle vier naar Noorwegen, het motschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. B. Pekelder, naar Hamburg.
Den 15 dito het smakschip de VERWACHTING, kapt. J. Eijlers, naar Noorwegen.


19 juli 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 17 juli. Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip BATO, kapt. J. Keijser, met drie passagiers, de 12e april vertrokken van Helvoetsluis, en THEODORA SARA, kapt. J. Schut, de 31e maart vertrokken van Amsterdam.


20 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 19 juli. De luitenant ter zee der 1e klasse, D.J. Baron Rengers, is met den 1 dezer ontslagen van het commandement van Zr.Ms. brik PELLIKAAN en gebragt op non-activiteit; zijnde het bevel over die bodem met den 10 dezer opgedragen aan de luitenant ter zee der 1e klasse W. Stort), dienende op Zr.Ms. wachtschip KENAU HASSELAAR.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. De Javasche Couranten tot den 25 maart behelzen het volgende:
Door de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië is benoemd tot divisie-commandant, haven- en equipagemeester te Batavia, en super-intendent van het maritiem etablissement op het eiland Onrust, de kapitein-luitenant bij de coloniale marine J.N. Olyve, thans gevoerd wordende als luitenant-kolonel bij het op te rigten corps mariniers.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. fregat DIANA, stoomschip WILLEM DE EERSTE;
brik ORESTES en corvet CASTOR; civiele schoener DORIS; Nederlandse schepen JULIA, MARY EN HILLEGONDA, HELENA CHRISTINA, VROUW JEANNETTE en OEY SINJO;
brikken TARTAR en CHARLOTTA; barken SEGAF en JANE;
schoeners CATHARINA CORNELIA, NIJVERHEID, OEY TEKSING, the INGMAN en GOANKIEN; kotter TOLERANTIE; Amerikaanse schepen MANDARIN, STAG en PARIS;
Chinese jonk JIETHIENG.
Te Batavia zijn gearriveerd de Nederlandse schepen INDIA van Rotterdam, en OUD-ALBLAS van Dordrecht, beide naar Soerabaya gezeild.
Den 9 maart lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. corvetten AJAX en ZWALUW,
stoomschip HEKLA, brik SIWA, schoeners SIREEN, KROKODIL, CASTOR en JANUS;
Nederlands schepen SINGAPOERA, JOHANNA FREDERIKA, L’ESPERANCE, ERICH, SUMATRA, MIDDELBURG, KOLONEL KOOPMAN en OCEAAN; Stoomboot VAN DER CAPELLEN; brikken FATAL BARAKAT, DE HOOP, TWEE GEBROEDERS, TWEE GEZUSTERS, HARRIET, COURIER, DOROTHEA, ONDERNEMEN en ALIE OESOOR;
barken FATAL KARIEM, CAROLINA EN JACOBA, JADUL KARIM ALA MOLA en VILLA; schoeners CORINGA, IRIS, CAROLINA, MARY, DIANE en NONNA; Amerikaans schip HENRY TAKE en Franse bark FRANÇOIS L’HONORÉ.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Den 17 arriveerden te Helvoetsluis ANTOINETTA MARIA, H.B.C.H. Ruysch, NEDERWAARD, M.D. Meyer, HELENA CHRISTINA, B.J. Martens, en MARY EN HILLEGONDA, D.A. de Jong, van Batavia; DE ONDERNEMING, G.B. Flik, van Marseille.
Den 18 arriveerden VENILIA, R.J. Kranenburg, van New-York, en NEÊRLANDS KROONPRINSES, J. van der Meyden, van Messina en zeilde DANIEL MARIUS, J.R. Butter, naar Libau (opm: Liepaja).
Den 18 arriveerden DE NOORD, J.A. Weyerbusch, en DANKBAARHEID AAN DE NEDERLANDSCHE HANDEL-MAATSCHAPPIJ, P. Landberg, van Batavia, en VRIENDSCHAP, K.H. Bakker, van Marennes, en zeilde ELIZA, P.E. Ahrens, naar Archangel.
Den 19 arriveerde NEPTUNES, W.A. Bakker, van Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Kapitein P. Landberg, van Batavia te Helvoetsluis binnen, rapporteert den 5 juni, op 17º25’ NB 33º3’ WL in goede staat zeilende gepraaid te hebben het transportschip DORDRECHT, kapitein-luitenant Koops.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Kapt. G.L.J. van der Hucht (opm: voerende het fregat PALEMBANG), van Batavia te Amsterdam gearriveerd, heeft den … (opm: niet ingevuld) (opm: 23 april 1837) bij de Menscheneter (opm: eilandje op de westpunt van het rif met dezelfde naam, enige mijlen uit de Javaanse kust westelijk van de rede van Batavia) in Straat Sunda gezien een bark, tonende Nederlandse vlag (opm: bark ZEEMEEUW, kapt. T.C. Claus), ogenschijnlijk uit Nederland komende, welke op het rif vastgezeten had, doch weder vlot geworden was. (opm: zie RC 260837)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Kapt. J. Sipkes Feykesz, van Marennes in Texel binnen, heeft den 25 juni, op 49º N.B. 6º W.L. gepraaid het schip (opm: fregat) PETRUS, kapt. F.H. Trip, van Amsterdam naar Batavia, en den 8 dezer, op de hoogte van Bevezier (opm: Beachy Head), het schip ABEL TASMAN, kapt. H.G. Zeylstra, mede van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Kapt. J.J. Michelsen (opm: Belgische schoenerbrik TWEE GEBROEDERS), van Liverpool naar Antwerpen, te Vlissingen binnen, heeft den 13 dezer in de Hoofden (opm: Nauw van Calais) gezien een groot Hollands schip, tonende vlag met de letters DC, en den 14 dito, mede in de Hoofden, het schip MARIA, kapt. A.R. Arfsten, van Antwerpen naar Triëst.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. Den 18 zeilden van Maassluis HENDRIKA, H.E. Boll, naar Stettin (opm: Szczecin); DE VERWACHTING, T.C. Tannen, naar Hamburg, en JONGE TJARK GIEZEN, L.T. Sok, naar Pernau (Pärnu).


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Batavia: het gekoperd Brikschip DE COCK, kapt. H. Schut, hebbende uitmuntende inrigtingen voor passagiers ligt gereed.
Idem: het gekoperd Fregatschip BELLONA, kapt. R. Rolufs, hebbende uitmuntende inrigtingen voor passagiers, om den 23 dezer te vertrekken.
Idem: het gekoperd Barkschip VROUW JOHANNA ELISABETH, kapt. …., hebbende uitmuntende inrigtingen voor passagiers, om den 26 dezer te vertrekken.
Idem: het gekoperd Barkschip INDIAAN, kapt. O. Kievyt, voor goederen en passagiers.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuyzen
Suriname: het gekoperd Schoenerschip EQUATOR, kapt. Jacob van der Kolff Wzn.
Idem: het gezinkt Brikschip AGENORIA, kapt. Wm. van der Kolff.
New-York: het Schoenerschip MARIA EN ADRIANA, kapt. P. Janzen.
Liverpool: het Kofschip ARENT ELIZA, kapt. L.H. Drayer.
Idem: het Kofschip VENILLIA, kapt. R.J. Kranenburg.
Idem: het Kofschip JOHANNA GEZINA (opm: JOHANNA GEZIENA, ook JOHANNA GESINA), kapt. P.C. Schuur, om spoedig te vertrekken.
Koningsbergen (opm: Kaliningrad): het Oldenburger Kofschip ANNA CATHARINA, kapt. H. Popken.
Elseneur (opm: Helsingör) en Riga: het Kofschip TWEELINGEN DANIEL EN WILCO, kapt. H.T. Klein.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen
Dantzig (opm: Gdansk): het Schip ANNA ELISABETH, kapt. S. Harkes, neemt ook goederen voor Rendsburg mee.
Adres bij C.H. en J.F. Cornelder Hzn
Lissabon: het gekoperd Barkentijnschip ALCYON, kapt. C. van der Linden.
Marseille: het Hoekerschip DRIE GEBROEDERS, kapt. P. Admiraal.
Nantes: het Kofschip CORNELIUS STAR, kapt. P.T. Kramer.
Liverpool: het Kofschip JUFFER FRESINA, kapt. J.H. Potjer.
Stettin (opm: Szczecin) (door het Holsteinsch Kanaal): het Kofschip ELISABETH, kapt. H. Pothoff.
St. Petersburg: het Kofschip MARIA ANNA, kapt. K.K. Hagedoorn.
Idem: Het Kofschip VRIENDSCHAP, kapt. Ph.N. Huizing.
Idem: Het Kofschip VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Brans.
(opm: twee verschillende kofschepen VRIENDSCHAP)
Idem: het Kofschip NEERLANDS TROUW, kapt. B.J. de Groot.
Pillau en Koningsbergen (opm: Baltiysk en Kaliningrad), door het Holsteinsche Kanaal: het Kofschip VROUW MARGARETHA, kapt. B.R. Berg.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
Dantzig (opm: Gdansk): het Kofschip MARGARETA SUSANNA, kapt. W.J. Warnekes.
Stettin (opm: Szczecin): het Kofschip ANNA ADELHEID, kapt. G.J. Wesseling.
Beide door het Holsteinsche Kanaal.
Hamburg: het Smakschip JONGE JAN, kapt. H.E. Pluktje.
Adres bij Seeuwen en Mair
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 juli. J.J. Voute S.E.Zoon en A. Voute, makelaars, zullen op woensdag den 26 juli 1837, des voormiddags ten 11 ure, in Den Brakken Grond, te Amsterdam, verkopen:
een partij thee, liggende in Vrij-Entrepôt als:
Congo 1000/4 kisten
Campoey 37.2/4 dito
Souchon 402/4, 400/8 dito
Pouchon 39/4 dito
Pecco 203/4 dito
Tonkay 782/4, 75/8 dito
Hysan 531/4, 200/16, 100/32 dito
Soulang Hysan 200/8 dito
Uxim 260/4, 409/8, 200/16, 100/32 dito
Joosjes, grof korrel, 200/16, 100/32 dito
Joosjes, fijn korrel 200/16, 100/32 dito
Aangebracht per het Nederlands schip PLANTER, kapt. C.L. Adböll, van Canton; leverbaar per Ontvang-Cedullen, volgens Prospectus deswege uitgegeven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Schiedam ligt in lading naar Batavia, het gekoperd Nederlands Fregatschip DE STAD SCHIEDAM, kapt. D.H. de Boer, uitmuntend ingerigt voor passagiers, om tegen den 25 Juli 1837 voor Hellevoetsluis gereed te liggen.
Adres bij de cargadoors A. Prins & Comp, en De Groot, Roelants & Comp.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te Vlaardingen ligt in lading, naar Cadix en Gibraltar het Nederlands Kofschip GOEDE VERWACHTING, kapt. A. Hoogendijk.
Adres bij Kuyper, Van Dam en Smeer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoompaket-vaart tussen Rotterdam en Havre
De prachtige nieuwe en snelvarende Stoompaket ROTTERDAM, kapitein J. Audibert, groot circa 500 Tonnen, met machines van lage drukking van 160 paardenkracht, doende de overtogt gemeenlijk in 20 tot 24 uren, zal vertrekken:
Van Havre den 10den, 20sten en 30sten van iedere maand.
Van Rotterdam dinsdag 25 juli 1837, des namiddags ten 4 ure, zaterdag 5 augustus 1 ure.
Van Havre naar Parijs gaan dagelijks vier Diligences, des voor- en namiddags, overtogt 15 uren; prijs 16 en 25 franc.
Naar Rouaan dagelijks een Stoomboot, overtogt 6 uren; prijs 6 en 10 franc.
Van Rouaan naar Parijs drie maal per week een Stoomboot, overtogt 12 uren, prijs 8 en 10 fr.
Nadere inlichtingen bij de agenten W. Smith & Co, Rotterdam, en Albrecht & Co, Havre.
(opm: de ROTTERDAM voer onder Franse vlag)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart tussen Rotterdam en Duinkerken
Vertrek gedurende de maand juli 1837:
Zaterdag den 15 juli, des morgens 8 ure, LE DUNKERQUOIS, kapt. L. Rozier
Donderdag 20 juli, des morgens 11 ure, PRINSES VAN ORANJE, kapt. H.C. Kool
Dindsdag 25 juli, des morgens 4 ure, L’ESTAFETTE, E. Perre
Maandag 31 juli, des morgens 9 ure, LE DUNKERQUOIS, kapt. L. Rozier
Adres bij Joh. Ooms Ezn en Co, agenten


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Stoomvaart tussen Rotterdam en Hull
Het fraaije nieuw gebouwde Stoomschip SEA HORSE, kapt. Wm. Bouch, van 250 paardenkrachten, groot 600 ton, zijnde uitmuntend ingerigt voor Passagiers en Goederen,
vertrekt van Rotterdam naar Hull iedere zaterdag en van Hull naar Rotterdam iedere woensdag.
Nadere informatiën te bekomen bij de agenten Geo. Sanderson & Co


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Er wordt gevraagd, voor een reis naar de Indiën en terug, een bekwame Scheepsdoctor, welke de verlangde Attestatiën van de Geneeskundige Commissie als anderszins moet kunnen produceren.
Iemand daartoe genegen adressere zich ten allerspoedigste bij W. v.d. Plas, Makelaar van de Zeevaart, te Rotterdam.


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens rapport van de commandant H. Porsilius, van Groenland te Brake teruggekomen, had kapt. H. Rickmers, voerende het schip SPITSBERGEN, van Harlingen, in de maand mei een vis (opm: walvis) gevangen.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 19 juli. Te New York is aangekomen het schip (opm: brik) GUSTAVE, kapt. A.J. Meulenaer, van Antwerpen.


21 juli 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregat KONING DER NEDERLANDEN, kapt. G.W. van Barneveld Kooy.
Adres bij B.D. Bosscher.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschipANNA EN LOUISA, kapt. J.K. de Jong.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Comp., Hoyman, Schuurman en De Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperd tweedeks barkschip JAVA’S WELVAREN, kapt. S. v. Delden Azn. Vertrekt 29 juli.
Adres bij d’Arnand en Co.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip ZEEMANSHOOP, kapt. C.P. Kuyper. Sluit 15 juli.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, van Olivier en Co., Hoyman en Schuurman, de Vries en Co., en F. der Kinderen.
Batavia. Het gekoperd tweedeks fregatschip NEPTUNUS, kapt. J.A. Witzen.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Co., Hoyman en Schuurman, De Vries en Co. en F. de Kinderen. Sluit 31 juli.
Curaçao (via Laguayra). Het gekoperd tweedeks brikschip MARIA EN JACOBA, kapt. D.J. Bart.
Adres bij De Vries en Co., Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het galjootschip DE ANNA EN MARIA, kapt. Daniel Steenveld.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperd tweedeks fregatschip SOPIA MARIA, kapt. J. Andresen.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperd tweedeks galjootschip NICOLAAS WITZEN, kapt. Frederik Lange. Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperd tweedeks driemast galjootschip WILHELMINA, kapt. Johan Nielsen Klint.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het Nederlands kofschip CATHARINA, kapt. Thomas Lange.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperd tweedeks brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. Pieter Simon Matzen.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Havana. Het gekoperd tweedeks barkschip ALCYON, kapt. H.G. Bergveld.
Adres bij B.J. van Hengel en Hoyman en Schuurman.
Bayonne. Het Nederlandse smakschip DE VRIENDSCHAP, kapt. B.H. Dekker.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Genua. Het Nederlandse kofschip DE LEMMER, kapt. Johannes Tammes.
Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
La Rochelle. Het Nederlandse kofschip JOHANNA, kapt. H. van Veen.
Adres bij F. Smit en Jan Corver en Co.
Bremen. Het Nederlandse schip LEONORA, kapt. M. Muller.
Adres bij Blikman en Co.
Bremen. Het schip DE DRIE GEZUSTERS, kapt. K.R. van Lathen.
Adres bij Blikman en Co.
Bremen. Het Nederlandse schip DE JONGE JAN., kapt. J.J. Butter.
Adres bij de wed. Jan van Wessel en Zoon.
Danzig. Het Nederlandse schip OP HOOP VAN FORTUIN, kapt. A.H. Visker.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer, en H.A. Hespe.
Danzig. Het Nederlandse kofschip IKINA WILMINA, kapt. Simon Jans Vegter.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Danzig. Het Nederlandse smakschip MARGINA MARGARETHA, kapt. H.J. Oortjes.
Adres bij Jan Corver en Comp. Vertrekt vóór of op 22 juli, op verbeurte der vracht.
GIBRALTAR, Malta, Smirna, en Constantinopel. Het gekoperde tweedeksbrikschip BRISEIS, kapt. J. Jansen.
Adres bij J. de Rooy en Van den Bey en Comp. Vertrekt 1 augustus.
Koningsbergen. Het Nederlandse kofschip GEERDINA, kapt. E.A. Doewes.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip CATHARINA, kapt. H.G. Lever.
Adres bij Kranenborg en Zoon, en de wed. P. Poolman Jz. en Zoon.
Lübeck. Het tjalkschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip MARIA, kapt. J.D. Bos.
Adres bij de wed. Jan van Wezel en Zoon en Jan Daniels en Zonen en Arbman.
Petersburg. Het Nederlandse gezinkte kofschip VREDE EN HOOP, kapt. Foppe G. Mellema. Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Riga. Het Nederlandse kofschip ANTINA, kapt. R.J. Schuring.
Adres bij Jan Corver en Co.
Riga. Het Nederlandse kofschip JEREMIAS, kapt. Sake Luitjes Stellingwerf.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip TWEE GEBROEDERS, kapt. D.J. de Groot, van Zaandam naar Drammen te Brake binnen, heeft beide masten verloren en de hulp van Oldenburger loodsen gehad. (opm: de smak werd in Noorwegen verkocht)


  LC - Leeuwarder Courant

Familieberichten. Heden ontvingen wij het treurig bericht, dat op de terugreis van Batavia
naar Rotterdam, ten Oosten van de Kaap de Goede Hoop, aan buikloop is overleden onze enig overgeblevene broeder Dirk Feersma, oud 23 jaren, 2de Stuurman op het schip (opm: fregat) MARY EN HILLEGONDA, kapt. D.A. de Jong.
Bij de herinnering dat wij circa 8 maanden geleden onze jongere broeder Johannes, insgelijks op zee verloren, gevoelen en betreuren wij ons tegenwoordig verlies des te meer.
Harlingen, den 19 Juli 1837, uit aller naam, T. Feersma


22 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage 21 juli. Tot administrateur der medicijnen ter kust van Guinea is benoemd de heer medicinae doctor C.H. Prins, met toekenning van de tijdelijke rang van chirurgijn-majoor.
Eervol is ontslagenm de chirurgijn-majoor van de 2e rang bij de marine, J. de Brouwer, en benoemd tot officier van gezondhed der 1e klasse voor de militaire geneeskundige dienst in de West-Indië.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Gedurende de maand juni jongstleden zijn door het Kanaal van Voorne 190 zeeschepen gevaren, als 118 te Helvoetsluis binnengekomen en 72 uitgezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Den 20 arriveerden te Helvoetsluis HENRIETTE, J.C. Willems, van Suriname, en ALCYON, C. van der Linden, van Havana, liggende quarantaine op de rede; ADRIANUS EN JACOBUS, A. Plokker, van Curaçao; HELENA, J. Mengers en JUFFER FRESINA, J.H. Potjer, van Riga, en zeilde de HOOP, D. Guyt, naar Liverpool.
Den 21 zeilde CONCORDIA, F.H. Eddes, naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Door kapitein Ruysch, voerende het Nederlands barkschip ANTOINETTA MARIA, van Batavia in Helvoetsluis binnen, is gepraaid, den 1 dezer, op 6º N.B. 212º40’ W.L. de VROUW MARIA, kapitein Noordbeek, van Rotterdam naar Batavia; den 14 dezer gezien, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), een driemast schip, tonende de Rotterdamse nommervlag, doch hij kon haar niet onderscheiden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Den 20 zeilde uit de Maas PRINSES VAN ORANJE (opm: stoomboot lijnschip), H.C. Kool, naar Duinkerken. De wind N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Den 20 zeilden van Maassluis JANTINA ANNECHINA, H.G. Sap, naar Petersburg; HENDRIKA ARENTINA, H.H. Breedland, naar Elseneur (opm: Helsingör), CONCORDIA, O.P. Smit, naar Riga; JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, naar Cardiff, en ANNA HERMANNA, A.W. Bakker, naar … (opm: geen opgave). De wind W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Den 21 arriveerde te Brielle ANNA ADELHEID, G.J. Wesseling, van Newport. De wind N.N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Kapt. J.J. Kortrijk, van Passaroeang in Texel binnen, heeft den 4 juli op 48º40’ NB 19º20’ WL gepraaid het Bremer galjootschip EMMA, kapt. D. Stege, met passagiers van Bremen naar New-York, en den 25 juni op de hoogte van Wight gezien een driemast galjoot, tonende vlag van het collegie Zeemanshoop met no. 363, zijnde die van kapt. J.J. Boon, voerende het schip WEST-INDIË, van Amsterdam naar Suriname.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Commandeur (opm: kapitein) H. Ponselius, van de Groenlandse walvisvangst te Brake binnen, rapporteert, in de maand mei gepraaid te hebben de Harlinger walvisvanger SPITSBERGEN, commandeur H. Rickmers, hebbende als toen één vis gevangen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 juli. Aangaande het schip HENDRIKA (opm: kof HINDERIKA), kapt. H.D. van Wijk, van Rotterdam naar Philadelphia, op de kust van Noord Carolina verongelukt (opm: zie RC 180737 en 270737), wordt van New-York van den 24 juni nader bericht, dat men van de lading niets zou kunnen bergen, en de inventaris den 21 dito openlijk zou verkocht worden.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op woensdag de 2e augustus zal door vendu-meesteren, ten overstaan van een commissie uit de Raad van Justitie te Batavia, krachtens drie appointementen van parate executie d.d. 11 mei 1837 ter instantie van de advocaat Mr. H. Klein, agerende voor en van wege het vendu-departement alhier, bij executie worden verkocht de schoener CAROLINA, lang 15,31 meter, breed 4,95 meter, diep 2,76 meter, voorts berekend te zijn groot 33 lasten, toebehorende aan A.J.J. Bedier de Prairie. Indien er iemand mocht zijn, die enig recht, actie of toezegging op voorschreven vaartuig zoude willen pretenderen en zich wil opponeren (opm: verzetten) tegen gemelde executie en verkoping, die kome en make het mij ondergetekende bekend.
De 2e deurwaarder en gezworen expl. bij de raad voornoemd, Wasmus.


24 juli 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Boelen, H.I. Rietveld, G.W. Sesink Clee en J. Schutte Hoyman, makelaars, zullen op maandag de 7e augustus 1837, ’s avonds om 6 uur precies, te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ, verkopen een extra ordinair welbezeild Nederlands gebouwd en gekoperd schoener-schip, genaamd VAN SPEYK, laatst gevoerd door kapt. E. Visser; lang volgens Nederlandse meetbrief 25 ellen 10 duimen, wijd 3 ellen 78 duimen, hol 3 ellen 10 duimen, en alzo gemeten op 131 tonnen.
Breder bij inventaris, en bericht bij bovengemelde makelaars. (opm: zie AH 090837)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Naar Batavia zal met de eerste der volgende maand vertrekken het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregatschip DOROTHEA, kapt. E.D. Dekker; personen of familien naar Java als passagiers willende vertrekken, en van deze volledige inrichting gebruik wensen te maken of goederen te verzenden hebbende, worden verzocht zich te adresseren aan het kantoor van de cargadoors Hoyman & Schuurman, op de Heerengracht over de Bergstraat, N˚ 379.
(opm: eerste reis nieuw schip)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Naar Batavia zal met de eerste der volgende maand van Amsterdam vertrekken het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregat BETSY EN SARA, kapt. P.F. Reinhold. Personen en familien welke van deszelfs goed ingerichte kajuit voor de overtocht naar Java wensen gebruik te maken of iemand goederen ter verzending hebbende, gelieve zich te vervoegen bij de cargadoors Hoyman & Schuurman, te Amsterdam.
(opm: eerste reis nieuw schip)


25 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. De spriet van het beurtschip van Rotterdam op ’s Hertogenbosch, gevoerd door schipper J. van der Schuit jr, is tijdens een hevig onweer door de bliksem van een gereten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Men meldt uit Groningen van den 20 dezer:
Gisteren avond om half zes sloeg een geweldige bliksemstraal die onmiddellijk door een knallende donder gevolgd werd, in de mast van het turfschip van Jacob Roelfs Harms Mulder, liggende in de gemeente Scharmer in het veen van het zogenaamde Klooster-Korpus, sloeg die mast geheel aan spaanderen en duizenden stukjes daarvan werden op een afstand van 60 treden van het schip verstrooid; de bliksem sloeg voorts in het ruim, waar tien personen waren, verbrijzelde aan weerszijden de binnenkleding, wegering genaamd, en rukte van voren de kromhouten uit hun verband, waarvan één berstte. De straal ging verder door een losse pomp, welke in het ruim lag en waarop de vader van de vrouw van Mulder zat, sloeg die aan stukken, zodat de oude man omtuimelde en enigszins aan zijn been gekwetst werd, en vervolgens de sporten van de ladder middendoor, nam de stoof onder de vrouw van Mulder weg naar de andere zijde, sloeg drie planken uit het beschot van het vooronder en ging zo achter het poortje, dat toevallig open was, uit, zonder enige brand te veroorzaken en zonder dat een der personen enig letsel bekwam. Het schip was geheel vol damp, waardoor het jongste kind, ongeveer twee jaren oud, enige ogenblikken beseffeloos is geweest.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Den 21 arriveerden te Helvoetsluis ONDERNEMING, J. Engelenberg, en JUFFER EINSKE (opm: kof JUFFER YNSKE), S.T. Kramer, van Riga.
Den 22 dezer arriveerden GOEDE TROUW, K.J. Masker, DOROTHEA, B.J. de Boer, LAMORAAL ULBO, N.A. Smaal, en PETRUS LUDOVICUS, W. Wilkens, van Riga; AGENORIA, W. van der Kolff, van New-York.
Den 23 dezer arriveerden de HOOP, W.A. Kock, van Petersburg; VIER GEBROEDERS, A.J. Bakker, van New-York; CATHARINA ELSINA, H.A. Schuuring, van Riga, en zeilde CONCORDIA, A.A. Borgman, naar Petersburg.
Den 24 arriveerden ANJA, A.C. Hazewinkel; AGATHA, D.G. Schuur en DOURO, H. de Haas, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Den 21 arriveerden in de Maas CONCORDIA, A. Pieper, van Stralsund, en HOPENDE ZEEMAN, W.F. Pronk, van Dantzig (opm: Gdansk).
Den 25 dezer arriveerde LUDOLF THEODORUS, J.A. Zyl, van Nerva, en HOOP EN VERWACHTING, K.K. de Boer, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Kapt. L.H. Drayer, van Baltimore te Rotterdam gearriveerd, heeft den 23 juni, Lezard 24 Duitse mijlen (opm: à 4 zeemijlen of 7407 m.) ten N.O. van zich hebbende en aan boord alles wel zijnde, met gunstige gelegenheid gepraaid het schip MARCO BOZARIS, kapt. W.H. Warnsinck, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Kapt. G.B. Flik, van Marseille te Rotterdam gearriveerd, heeft den 13 dezer, op 47º42’ N.B. 6º59’ W.L. in goede staat gepraaid de brik ASTREA, kapt. J.A. de Lang, van Amsterdam naar Suriname, laatst van Vlissingen, en die zelfde avond, op 48º13’ N.B. 6º23’ W.L. gezien een kof, tonende vlag van het zeemanscollegie Zeemanshoop met no. 182, zijnde die van kapt. E.G. Boekhout, voerend het schip ANNA ELISABETH, van Amsterdam naar Genua en Livorno.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Kapt. T.M. Gnodde, van Marennes te Dordrecht gearriveerd, heeft den 1 dezer, Lezard 7 mijlen ten noorden van zich hebbende, met O. wind, gepraaid het schip ANTHONY, kapt. F. Matthysen, van Rotterdam naar Batavia; aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Uittreksel uit de Lloydslijst tot 21 juli:
Gepraaid PRINS FREDERIK van New-York naar Batavia, den 28 laatstleden (opm: juni 1837), op 45º breedte en 22º lengte; VROUW MARIA van Rotterdam naar Elmina, den 3 laatstleden (opm: juli 1837), op 6º breedte en 22º lengte.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juli. Aanstaande vrijdag den 28 juli zal te Schiedam van stapel lopen het Fregatschip DE EENDRAGT. Daar dit schip een geheel vrije loop in de rivier heeft, zal de stoomboot FREDERIK PRINS DER NEDERLANDEN, op vriendelijke uitnodiging van onderscheiden Liefhebbers, des morgens ten 10 ure van Rotterdam naar Schiedam en, na het schip te water zal zijn, naar Rotterdam terug varen. Ligplaats Oude-Hoofd, van waar de boot zal afvaren. De prijs is bepaald op NLG 1,50 in het geheel.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Uit de hand te koop een geheel toegetuigd nieuw kofschip, volgens Nederlandse meetbrief groot 116 tonnen, voorzien van een complete inventaris, liggende in het Westerdok, Nadere informatie bij de makelaar J. Boelen op de IJgracht te Amsterdam.
(opm: zie eerdere advertentie AH 220437; van de kof GOEDE VERWACHTING had scheepsbouwmeester Pieter Brouwer, Amsterdam, op speculatie op 9 januari 1832 [!] de kiel gelegd; op 27 april 1837 werd het schip tewater gelaten en op 31 juli werd koopman Jan Goedkoop, Amsterdam, de eigenaar; het schip kreeg nu de naam ANNA CORNELIA en als kapitein W.F. Schenk; in augustus 1838 verkocht hij de kof alweer)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip CATHARINA, kapt. D.A. Zijlstra (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Triëst naar Petersburg is onder de Portugese kust gepraaid.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 16 juli 1837 het tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J.J. Orne, van Stettin (opm: Szczecin).
Den 17 dito het smakschip VROUW GEZINA, kapt. J.H. Mulder, van Dantzig (opm: Gdansk), het kofschip de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, van Noorwegen.
Den 18 dito de schoenerschepen SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Leith en UNION, kapt. H.B. Disney, van Londen.
Den 20 dito het schoenerschip TRE SOSTRE, kapt. S. Christiansen, van Noorwegen.
Den 21 dito het kofschip ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, van Noorwegen, het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 22 dito het kofschip VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen en het tjalkschlp ANNAGINA (opm: VROUW ANNEGIENA), kapt. R.H. Dokman, beide van Dantzig (opm: Gdansk).
Uitgezeild: Den 16 juli de schoenerschepen LIVELY, kapt. S.H. Finch, FAME, kapt. W. Barfield en FRIENDS, kapt. J. Manning, alle drie naar Londen; het galjasschip HARMONIE, kapt. P. Permien, naar de Oostzee.
Den 18 dito het kofschip GEZINA, kapt. J.F. de Boer, het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, de kofschepen ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth en WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, alle vijf naar Noorwegen.
Den 20 dito het schoenerschip MINERVA, kapt. L. Ellefsen, naar Noorwegen, het tjalkschip de JONGE BAREND, kapt. J.J. Buiten, naar Hamburg.
Den 21 dito het tjalkschip CATHARINA MARGARETHA, kapt. B. Bomker, naar Carolinerzijl (opm: Carolinensiel).
Den 22 dito de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin, ORWELL, kapt. R. Cubitt, UNION, kapt. H.B. Disneij, alle drie naar Londen en SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Newcastle.


26 juli 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 23 juli. Vertrokken MARGARETHA CATHARINA, J.H. Schippers naar Calcutta.


27 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 25 juli. Zijne Majesteit heeft aan de commissarissen van de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij vergund het aanleggen van een ijzeren spoorweg van Amsterdam naar Haarlem, op dezelfde voorwaarden als waarop de uitvoering van dat werk bij vroegere koninklijke besluiten aan de heren L.J.J. Serrurier, R. le Chevallier en W.C. Brade was opgedragen. (opm: bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Gedurende de zes eerste maanden van dit jaar zijn 5215 schepen de Sond gepasseerd, zijnde 532 meer dan in het eerste half jaar van 1836. De grootste toenemning heeft bij de schepen onder Noorweegse, Deense, Zweedse, Nederlandse en Hanoverse vlag bestaan, terwijl de grootste afneming bij die onder Noord-Amerikaanse vlag is waargenomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Den 24 dezer arriveerden te Helvoetsluis de VROUW NEELTJE, K. Parrel, van Nerva; WILLEM OLIVIER, G.J. Korter, en ENGELINA, R.H. Bok, van Riga en GEZIENA, J.G. Postema, van Arensburg.
Den 25 dezer zeilden VRIENDSCHAP, J. Brands, naar St. Petersburg; MARS, j. Metzon en ZEEMEEUW, D. Noordhoek, naar Lissabon; CORNELIUS STAR, P.T. Kramer, naar Nantes; KOOPHANDEL, F. Popke, naar Suriname; AVONTUUR, S. Lams, naar Havana en GANGES, J.W. Potter, naar Cadix. De wind N.O.
Den 26 zeilden HEBE, M.B. Minold, naar Nerva; ARCHIBALDT, J.G. Windt, naar de Oost Zee; STAD DORDRECHT, J. van Nassau, en DE COCK, H. Schutt, naar Batavia; FORTUNA, L. Berkhof, naar Nantes. De wind W.Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Den 25 dezer zeilden van Maassluis VRIENDSCHAP, P.H. Huizing, naar Petersburg, en ANNA CATHARINA (opm: Oldenburger kofschip), H. Popken, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).
Den 26 zeilde ALBERTINE, H.H. Potjewijd, naar Nerva. De wind Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Door schipper H. Verschoor, voerende het haringschip DE WAAKZAAMHEID, is den 19 dezer, op 57º N.B. 34’ W.L. gepraaid Zr.Ms. brik PELLIKAAN; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Het schip WILLEM, kapt. G. Klomp, van Rotterdam naar Batavia, was den 12 op de hoogte van Dartmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juli. Aangaande het schip HENDRIKA (opm: kof HINDERIKA), kapt. H.D. van Wijk, van Rotterdam naar Philadelphia, op de noordkust van Carolina verongelukt (opm: zie RC 180737 en 220737), wordt nader van daar bericht, dat de gehele equipagie gered was, en over Baltimore naar Nederland zou terugkeren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Amortisatie-syndicaat.
Administratie der Domeinen in het 2e Ressort, Agentschap ’s Gravenhage.
Op vrijdag den 4 augustus 1837 zal, door de Agent van het Domein te ’s Gravenhage, als daartoe behoorlijk geautoriseerd, ten overstaan van de Notaris S. van Dorsser, residerende te Dordrecht, in het Logement Bellevue, te Dordrecht, des voormiddags ten 11 ure, publiek worden aanbesteed:
de Leverantie van Steenkolen, ten behoeve van het Stoombotenveer tussen Willemsdorp en de Moerdijk, van af den 1 augustus 1837 tot ultimo juli 1838.
De Bestekken der Aanbesteding liggen kosteloos en voor een ieder ter lezing ten Kantore van de Heer Administrateur der Domeinen in het 2e Ressort, te Amsterdam, en van de Agent van het Domein te ’s Gravenhage, benevens aan de Raadhuizen der gemeenten ’s Gravenhage, Dordrecht en Rotterdam, terwijl alle verdere informatiën te bekomen zijn bij de Agent van het Domein te ’s Gravenhage, en bij de Bewaarder der Hypotheken te Dordrecht.
Zegt het voort.


28 juli 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris Goslings, te Harlingen, zal op woensdag den 2 augustus 1837 des namiddags ten 3 ure, bij De Boer, in de Groote Ooijevaar, aldaar, publiek, tegen contante betaling, verkopen: een Tjalkschip genaamd de GOEDE GEDACHTE, groot 36 ton, met het daarbij behoorende zeil, bomen, watervat enz. enz, thans bevaren wordende door Geert H. Velthuis en liggende in de Stads Gracht te Harlingen, bij het Leeuwarder End.
De aanvaarding zal zijn des daags na de verkoop.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hechte en wel onderhouden Hekschuite, de HOOP EN LIEFDE genaamd, lang 19 el, wijd 4 el 1½ palm, hol 1 el 8 palm, op zijn uitwatering; met een complete inventaris, zo als dezelve is bevaren door wijlen R.A. Vegter, liggende ter bezigtiging te Eernewoude.
Nadere inligting te Eernewoude bij A.R. Vegter of bij B.K. Hoekstra te Warga.


29 juli 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Heden werd op de scheepstimmerwerf de Nijverheid, gelegen aan de Maas te Schiedam, met het beste gevolg te water gelaten het door de scheepsbouw-meesters Gebrs. Gips aldaar gebouwde barkschip EENDRAGT, groot 500 lasten, gevoerd bij kapt. J.IJ. van der Zweep, en onmiddellijk daarna de kiel gelegd voor een fregatschip van gelijke grootte, genaamd WILLEM DE EERSTE, waarover kapt. H. Poppen het bevel zal voeren, beide voor rekening van de aldaar gevestigde Rederij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Den 26 dezer arriveerde te Helvoetsluis HARMONIE, G.E. Boer, van Riga.
Den 27 dezer arriveerde HARMONIE, H.H. Naatje, van Cardiff en MAASNYMPH, J.T. Verschuur, van Philadelphia.
Den 28 arriveerde MARIE ANTOINETTE, M. Holm,van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), en VROUW CATHARINA, G.K. Wijkmeyer, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Het Amerikaans schip EULIONE, kapt. S. Swift, met traan van New-Bedfort naar Bremen, laatst van Fayal, is in de avond van den 23 dezer in de Buitengronden van Vlieland gestrand, doch het volk door de Vlielandse loodsschuit no. 2, gevoerd door schipper T. Croese, gered en op Vlieland aangebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Den 27 zeilde van Brielle ERBERDINA GEZINA, J. Ohm, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Den 27 zeilden van Maassluis TJETINA, H.F. Bakker, naar Hamburg, en GEZINA JACOBA, J.J. Wever, naar St. Petersburg. De wind Z.W.
Den 28 zeilde TIENDAAGSCHE VELDTOGT, J. den Dulk, naar de Noord Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Den 27 zeilde uit de Maas ALIDA, H.F. Deddes, naar Cardiff, en ELIZABETH, G. Pybus, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 juli. Den 16 dezer is te Livorno in goede staat aangekomen het brikschip HENDRICA ELIZABETH, kapt. A. Riedijk, van Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Hoofd-Departement der Marine van de Maas.
Op woensdag den 9 augustus 1837, des middags ten twaalf ure, zal, ten overstaan van de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis en in het bijzijn van de Constructeur der 2e klasse aldaar, in een der Localen aan ’s Rijks Werf, in het openbaar aan de meestbiedenden verkocht worden: de voor ’s Rijks Dienst afgekeurde Corvet DE HELDIN, liggende ter voorschreven plaats, op zodanige Voorwaarden als ter Secretariën van de Directie der Marine te Amsterdam, Rotterdam en Vlissingen en op het Bureau van de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis ter lezing van de daarbij belanghebbenden zullen voorliggen.
De voorschreven Corvet zal zes dagen vóór de verkoopdag, op vertoon van een Permissiebiljet, afgegeven door de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis, kunnen bezigtigd worden.
Rotterdam, den 24 juli 1837.
De Vice-Admiraal, Directeur en Commandant der Marine in het Hoofd-Departement van de Maas, Jhr. H.A. Ruysch


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. H.B.C.H. Ruisch, van Batavia te Helvoet binnen, heeft op 15 juli op de hoogte te Portland gezien het schip (opm: fregat) EMANUEL, kapt. J.M.F. Fleming, van Amsterdam naar Batavia; het schip WILLEM, kapt. G. Klomp, van Rotterdam naar Batavia was op 12 juli ter hoogte van Dartmouth.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de JONGE LOUIS, kapt. H.T. Mulder (opm: kof, kapt. T.M. Mulder), heeft te Cardiff op 18 juli een aanvang gemaakt met het laden voor Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: hoeker) MARIA JOHANNA, kapt. A. van der Weijden, zou misschien op 16 of 18 juli van Port à Port (opm: Oporto) naar Amsterdam vertrekken.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 26 juli. Heden is hier aangekomen de Nederlabndse bark de JAVAAN, kapt. J.P. Meijer, met een aantal passagiers, de 8e juni vertrokken van Calcutta.


01 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 30 juli. De Pruissische Staatscourant deelt thans mede, het op den 3 juni tussen de Pruissische en Nederlandse Gevolmagtigden gesloten, en door Z.M. de Koning van Pruissen op den 27 juni en door Z.M. de Koning der Nederlanden den 4 dezer geratificeerde verdrag van scheepvaart. Dit verdrag zal tot het einde van het jaar 1841 van kracht blijven, en voorts, bijaldien het zes maanden tevoren niet wordt opgezegd, beschouwd worden van jaar tot jaar voort te duren.
Bij art. 1 daarvan is bepaald, dat de Pruissische en Nederlandse schepen, die met ballast of geladen in de havens der beide Staten in- of uitlopen, geen andere noch hogere tonnen-, vlag-, haven-, anker-, loods- en sleepregten enz. zullen betalen, dan die welke aan de nationale schepen bij het inlopen in die havens, bij haar oponthoud aldaar, of bij haar vertrek van daar, reeds opgelegd zijn, of in het vervolg zullen opgelegd worden.
Art. 2. Alle voortbrengselen of handelswaren, wier in- of uitvoer met nationale schepen in de Staten der beide Mogendheden wettelijk veroorloofd is, zullen aldaar ook met de aan de andere Mogendheid toebehorende schepen in- of uitgevoerd mogen worden.
Art. 3. Geen prioriteit of voortrekking zal plaats hebben omtrent de invoeren met eigen schepen.
Art. 4. Alle voortbrengselen en andere handelswaren, zonder onderscheid van oorsprong, welke regtstreeks uit de havens van het Koninkrijk Pruissen met Pruissische schepen in het Koninkrijk der Nederlanden in Europa, of uit laatstgenoemde met Nederlandse schepen in Pruissische havens ingevoerd worden, gelijk mede alle voortbrengselen en andere handelswaren, zonder onderscheid van oorsprong, welke regtstreeks uit Pruissische havens met Nederlandse schepen naar Nederlandse havens in Europa, of uit laatstgenoemde met Pruissische schepen naar Pruissische havens uitgevoerd worden, zullen in de bedoelde havens geen andere noch hogere regten betalen, dan wanneer die in- of uitvoer van dezelfde waren met nationale schepen ware geschied.
Art. 5. Bijaldien een der hoge contracterende partijen in het vervolg aan een andere Staat een bijzondere begunstiging betrekkelijk de scheepvaart mogt toestaan, zal die begunstiging ook aan die andere partij verleend worden, welke dezelve, zo zij zonder vergoeding toegestaan is, ook zonder zodanige vergoeding zal genieten; maar zo aan die voorwaarde een wedervergelding verbonden is, ook zodanige wedervergelding zal inwilligen.
Art. 6. De bepalingen der bovenstaande artikels zijn zowel van toepassing op de zee- als op de rivier-scheepvaart. Voor Pruissische en Nederlandse schepen zullen gehouden worden de zodanige, welke in de Staat, waartoe zij behoren, als zodanige volgens de bestaande wetten en reglementen erkend zijn, waarvan de schippers het bewijs steeds bij zich zullen moeten hebben.
Art. 7. Tot bevordering van de Rijnhandel en de Rijnscheepvaart heeft Z.M. de Koning van Pruissen bewilligd, de Nederlandse schepen te doen delen in al de voordelen welke aan de Pruissische en aan deze gelijkgestelde schepen, op het aan Pruissen toebehorende gedeelte van de Rijn, ingewilligd zijn. Dien ten gevolge zullen 1e de Nederlandse schepen voor hun ladingen volkomen vrijstelling genieten van de, in het tarief, hetwelk bij de conventie van Mentz, van 31 maart 1831, onder letter C gevoegd is, vastgestelde Rijntollen; 2e de Nederlandse schippers zullen in de vaart tussen Coblentz en Emmerik, zonder overschrijding van het een of ander dier tolkantoren, de vrijstelling genieten der scheepsbelasting; 3e genoemde schippers zullen, bij regtstreekse doorvaart, niet gehouden zijn aan elk der tolkantoren de regten te betalen, maar zij zullen dit ineens, bij de afvaart van Coblentz tot Wezel, te Coblentz, en bij de opvaart van Emmerik tot Coblentz, te Emmerik mogen doen. (opm: bekort)
Ter vergelding van deze voor de Nederlandse handel en scheepvaart gunstige bepalingen heeft Z.M. de Koning der Nederlanden toegestaan 1e de gehele vrijstelling van de bij de conventie van Mentz vastgestelde Rijntollen van alle waren welke de Rijn af met Pruissische schepen ingevoerd worden en tot ontlading in een Nederlandse haven bestemd zijn, om of aldaar tot consumptie gebruikt, of in de pakhuizen opgeslagen te worden; 2e vermindering der regten tot op de helft, voor alle waren welke in een Nederlandse haven in Pruissische schepen geladen en opwaarts de Rijn uitgevoerd worden; 3e vrijstelling der Pruissische schepen van de boven onder 2e genoemde scheepsbelasting, bij de binnenvaart tussen Lobith, Krimpen en Gorcum, zonder overschrijding van een dezer tolkantoren. (opm: bekort)
Art. 8. De beide contracterende Mogendheden verbinden zich, zo veel mogelijk, de verordeningen en formaliteiten, betrekkelijk de tolwetten voor de Rijnvaart, te vereenvoudigen.
Art. 9. De hoge contracterende Mogendheden zullen onmiddellijk overeenkomen, wegens art. 52 van de conventie van Mentz, met betrekking tot de concessiën, die voor het in de vaart brengen van stoomboten benodigd zijn, welke tot het transport van reizigers, hun pakgoederen en rijtuigen, en ook van koopwaren, in geregelde vaart tussen twee of meerdere, aan de twee Staten toebehorende plaatsen bestemd zullen zijn, gelijk mede over de te nemen maatregelen om de stoombootvaart op de Rijn te bevorderen en te beschermen, en voor de handel de erkende voordelen van deze nieuwe tak van nijverheid te verzekeren. Deze zullen daarbij uitgaan van het grondbeginsel ener volkomen wederkerigheid, en der toelating van een naar de behoeften te regelen concurrentie. (opm: bekort)
Art. 10. De contracterende Mogendheden zullen voortvaren met de zorg voor de verbetering en het onderhoud der wegen, welke naar de beide Staten leiden. Bijaldien deze zich eenmaal zullen verstaan hebben wegens het aanleggen van een de wederzijdse grenzen overschrijdende spoorweg, en over het gebruik maken van de vervoer daarop, zo zullen aan deze onderneming al die voordelen, zonder onderscheid, verleend worden, welke daardoor aan enige andere dergelijke onderneming toegestaan zijn, of naderhand zullen worden.
Art. 11. De contracterende Mogendheden behouden zich voor, nadere onderhandelingen te openen voor het gemakkelijk maken en bevorderen der wederzijdse handelsbetrekkingen. Inmiddels verbinden zij zich, gedurende een jaar, 1e geen verbod van uit- of invoer te doen, hetwelk schadelijk zou zijn voor de handel van een van beide; 2e geen andere of hogere regten in te voeren, en 3e de wederzijdse ingezetenen in het voordeel te doen delen van alle in te voeren premiën, tolvergoedingen, enz.
(opm: zie ook RC 281137)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Zaterdag namiddag (opm: 29 juli) is te Dordrecht van de werf van de scheepsbouwmneester Jan Schouten met het beste gevolg van stapel gelopen het schoener kofschip de ONDERNEMING.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Den 28 dezer arriveerde te Helvoetsluis JANTINA ENGELINA, H.T. de Jonge, van Riga
Den 29 arriveerde JOHANNA CORNELIA, A. Seeuwen, van Leer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Den 28 dezer arriveerde in de Maas DIANA, J. Albers, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. Den 29 dezer zeilde van Maassluis MERCURIUS, J.C.R. Fonk, naar Newcastle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 31 juli. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. brik PEGASUS, kapitein-luitenant ter zee Boelen, uit de Noord Zee (opm: enkele dagen later weer naar de Noordzee vertrokken).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VROUW GEZINA (opm: VROUW GEZIENA, ook VROUW GESINA), kapt. A.W. Banting, van Tonningen (opm: Tőnning) naar Berwick is 21 juli op Ameland gestrand, doch het volk gered (opm: zie LC 040837).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

In New York lagen op 11 juli in lading de schepen JONGE BAREND (opm: kof), kapt. B.R. van Wijk, TRITON, kapt. B.H. Schuring en AGATHA, kapt. B.J. Potjewijd, naar Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 23 juli 1837 het galjasschip JOHANNA MARIA, kapt. J. Molsen, van Memel (opm: Klaipeda), de kofschepen ZEELUST, kapt. R. Sluik, van Memel, CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, van Nerva; het schoenerschip HOPE, kapt. Cousins, van Londen, het kofschip MERCURIUS, kapt. H.F. Visser, van Dantzig (opm: Gdansk).
Den 24 dito het kofschip die FRAU CATHARINA, kapt. J.H. Bruns, van Memel, het brigantijnschip ACTIVE, kapt. J.L. Meijer, van Memel.
Den 25 dito de kofschepen PIETER, kapt. J.H. de Weerd, WILLEM, kapt. H.W. Kiers, en het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J.J. Giersoe, alle drie van Noorwegen, het galjasschip DOLPHIN, kapt. J. Voss, van Riga, het kofschip de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Grooth, van Noorwegen.
Den 26 dito de kofschepen MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, van Noorwegen en die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J Tholen, Dantzig.
Den 27 dito het schoenerschip FRIENDS, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 28 dito de schoenerschepen FAME, kapt. W. Barfield en LIVELY, kapt. S.H. Finch, beide van Londen, het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Grooth, van Noorwegen.
Uitgezeild: Den 25 juli het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, naar Arbroath.
Den 26 dito het kofschip de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos en het schoenerschip TREE SOSTRE, kapt. S. Christiansen, beide naar Noorwegen, het tjalkschip de VROUW MARIA, kapt. J.G. Kotsen, naar Hamburg.
Den 27 dito het tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J.J. Orne, op avontuur, de kofschepen de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, naar Noorwegen, ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels, naar Emden en ZEELUST, kapt. R. Sluik, van Memel.
Den 29 dito de kofschepen de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Grooth, naar Noorwegen en de VRIENDSCHAP, kapt. K.J. Klazen, naar de Oostzee.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Twee Scheepstimmerknechten, hun werk geheel of ten dele verstaande, kunnen werk bekomen bij H.O. Brouwer, te Makkum.


02 augustus 1837


  JC - Javasche Courant

De angstvallige bezorgdheid, welke gedurende een geruime tijd bestond omtrent het lot der equipage en passagiers van Zr.Ms. stoomschip WILLEM DE EERSTE, hetwelk op een rif der Lucipara’s, bezuiden Amboina, vergaan is, heeft opgehouden door de zeer verbijdende tijding, dat al de schipbreukelingen gered zijn geworden. Het genoemd stoomschip vertrok de 26e april jl. naar Amboina. De 24e juni ontving het Gouvernement de tijding van Amboina, dat aldaar was aangekomen een sloep van de WILLEM DE EERSTE, bemand met twee Europeanen en vier Javanen, medebrengende het droevig berichtg, dat het schip in de nacht van 5e op de 6e mei jl. op de Lucipara gestoten had, en door deszelfs opvarenden, 140 zielen uitmakende, verlaten was geworden.
(opm: dit is een citaat uit een veel langer bericht; wij verwijzen verder graag naar JC 300837 en volgende berichten, ook uit andere kranten, in deze kroniek)


  JC - Javasche Courant

Banjoemassin, 18 juli. Heden is hier aangekomen van Sumanap het Nederlandse schip BATAVIA, kapt. G. King. Dit schip, met een hevige storm op de zandbank geraakt, heeft enige averij gehad, doch is na het over boord werpen van een gedeelte der lading en het verliezen van het roer, ten anker gekomen.


03 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Heden namiddag liep van de werf St. Joris met het beste gevolg van stapel het fregatschip ADMIRAAL ZOUTMAN, groot circa 1000 tonnen, gebouwd voor rekening van de heren C. en A. Vlierboom, door de scheepsbouwmeesters De Jong, Kortelandt en Anthony, en werd al dadelijk door hen op dezelfde werf en voor dezelfde rekening een kiel opgehaald voor een fregatschip van gelijke grootte, hetwelk de naam zal voeren van BANCA.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Den 31 passato (opm: verleden [maand]) arriveerde te Helvoetsluis HILLECHINA, H.H. Brakke, van Oleron.
Den 1 dezer zeilde GOEDE HOOP, M.J. de Jong, naar Nerva. De wind Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Den 1 dezer arriveerde in de Maas YPRES, P. Dunk, van Rye, en zeilden CATHARINA MARIA, A. Smith, en NIJVERHEID, P.H. Puister, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Den 31 passato (opm: verleden [maand]) arriveerde te Maassluis WILLEMINA, G. Treus, van de Noord Zee.
Den 1 dezer zeilde de VROUW MARGARETHA, B.R. Berg, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Kapt. P. Zunderdorp, van Banjoewangie in Texel binnen, rapporteert den 30 mei op 22º43’ Z.B. 4º4’ O.L. gepraaid te hebben de bark KOLONEL KOOPMAN, kapt. A.L. van der Valk, van Soerabaya en Batavia naar Rotterdam (de laatste, die sedert te St. Helena is aangekomen, rapporteert den 4 april bij het Prinsen-Eiland in Straat Sunda, te hebben gepraaid het schip FLEVO, kapt. H.T. Amsberg, van Amsterdam naar Batavia, laatst van Cowes); als ook den 3 juli, op 23º50’ N.B. en 37º14’ W.L. te hebben gepraaid de bark de NEDERLANDSCHE NIJVERHEID, kapt. H.G. Post, van New-York naar Batavia, en den 27 dito, in peiling twee mijlen ten Z.O. van Zuid Voorland (opm: South Foreland), de kof CORNELIUS STAR, kapt. P.T. Kramer, van Rotterdam naar Nantes.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Kapt. L.F. Mussche, van Havana te Vlissingen binnen, heeft den 18 maart, op 43º N.B. en 12º7’ W.L. gepraaid de bark WELTEVREDE, kapt. C.F. Lupcke, van Rotterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 augustus. Volgens brief van kapt. J.K. de Jong, voerende het schip ANNA EN LOUISA, van Amsterdam naar Batavia, in dato 25 juli, was hij toen, aan boord alles wel zijnde en de wind W.t.Z. hebbende, in goede staat zeilende op de hoogte van Dartmouth, met de schepen de KONING DER NEDERLANDEN (opm: fregat, eerste reis), kapt. G.W. van Barneveld Kooy, en CASTOR, kapt. T. Gollards, beide mede van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Directie der Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, gezien het besluit der Vergadering van Commissarissen en Directeuren van den 26 juli 1837, luidende als volgt:
Gelet op het Besluit der Algemene Vergadering van Stemhebbende Actiehouders (opm: aandeelhouders) van den 29 september 1836, waarbij is gelast de aanbouw van een tweede Stoom-Zeeschip, waarvan de kosten van aanbouw zijn begroot op NLG 332.000, en de publieke verkoop, in overeenstemming met artikel 16 der Statuten van de Maatschappij, van 664 additionele Aandelen, elk ter som van NLG 500, tot vinding van bovengemeld Kapitaal.
Overwegende dat de toestand der Maatschappij toelaat, om van dat Kapitaal een som van NLG 150.000 te bestrijden uit behaalde winsten, en dat een verder gedeelte kan worden bestreden uit de Actiën, reeds door Z.M. de Koning genomen, mitsgaders uit die welke door de eerste Oprigters dezer Maatschappij, ingevolge art. 47 der Statuten, zijn aangeslagen of nader zullen worden aangeslagen.
En dat derhalve de bovenstaande verkoop zich kan bepalen tot hoogstens 282 Aandelen, vertegenwoordigende een kapitaal van NLG 141.000.
Zo is verstaan, de Directie dezer Maatschappij tot de openbare verkoop van 282 additionele Aandelen te magtigen, als geschiedt bij deze.”
Maakt bij deze bekend, dat, ten gevolge van bovengenoemd besluit, op den 28 augustus 1837, des avonds ten 6 ure, in het Huis der Notarissen, aan de Gelderschekade, te Rotterdam, zal worden overgegaan tot de publieke verkoop van hoogstens 282 Aandelen in de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, en zulks ten overstaan van de Notarissen Schadee en Kley, bij welke tevens de nadere Informatiën te bekomen zijn.


04 augustus 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof HENDRIKA, kapt. K.B. de Weerd, was op 2 juni te Bahia bezig met een lading suiker voor Hamburg in te nemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De strandvonder ad interim van Ameland, zal, op donderdag den 10 Augustus e.k, des namiddags ten één ure, bij het dorp Nes op Ameland, in het openbaar, ad opus jus habentium (opm: in het belang der rechtverkrijgenden), aan de meestbiedenden, om contant geld, presenteren te verkopen: ongeveer veertig duizend Nederlandsche ponden beenderen, geborgen van de lading van het op den 21 juli l.l. gestrand Tjalkschip de VROUW GEZINA (opm: VROUW GEZIENA, ook VROUW GESINA, zie ook PGC 010837), schipper A.W. Banting, van Sleeswijk naar Schotland bestemd geweest.
Ameland, 4 augustus 1837, de Strandvonder ad interim voornoemd, Van Heeckeren


05 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 augustus. Den 2 dezer arriveerde te Helvoetsluis IDA BARENDINA, H.L. Hensema, van Marennes. Deze rapporteerde den 1 dezer tussen de Hoofden (opm: het Nauw van Calais) en de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gepasseerd te zijn het fregatschip de STAD DORDRECHT, kapt. J. van Nassau, van Dordrecht naar Batavia, hebbende de wind W.Z.W.
Den 3 dezer arriveerde JOHANNA, H.T. de Jong, van Baltimore, en zeilden ELISABETH, H. Pothoff, naar Stettin (opm: Szczecin) en Zr.Ms. stoomboten CERBERUS, kapt.-luit. Frank, en PHOENIX, kapt.-luit. Le Jeune, aan boord hebbende de Schout-bij-Nacht jonkhr. Twent.
Den 4 dezer arriveerde VROUW JOHANNA, S. Post, van Lissabon, en zeilden MARIA ANNA, K.K. Hagedoorn, naar St. Petersburg; FERDINAND, G. Flint, naar Riga; VROUW NEELTJE, K. Parrel, naar Nerva, en MOZES, H. Valk, naar Drammen. De wind W.Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 augustus. Den 2 dezer arriveerde in de Maas HARMONIE, W.L. Veen, van Dantzig (opm: Gdansk).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 augustus. Den 3 dezer arriveerde te Maassluis No. 5 van de haringreederij J. Firet, van de Noord Zee.
Den 4 dezer zeilde VROUW MARGARETHA, C.H. Lutken, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 augustus. Kapt. B. Drayer, van Canton en Java in Texel binnen, heeft den 25 juli op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point) gezien een schip tonende vlag van het collegie Zeemanshoop met no. 37, zijnde die van kapt. J.K. de Jong, voerende het schip ANNA EN LOUISA, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 augustus. Volgens brief van kapt. W. Groen, voerende de CLAUDIUS CIVILIS, van Amsterdam naar Batavia, was hij den 3 april laatstleden in goede staat zeilende op 7º43’ N.B. en 102º14’ chronom. lengte (opm: berekende lengte op basis van zons- of maansdoorgang en de aflezing der tijdmeter [chronos]).


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. H.J. Rietveld, makelaar, zal op maandag de 28e augustus 1837, ’s avonds om zeven uur, te Amsterdam in de Nieuwe Stadsherberg aan het IJ verkopen een extra ordinair welbezeild Nederlands gebouwd kofschip, genaamd ARENT ELIZA, in 1831 nieuw uitgehaald, gevoerd door kapt. Lambert H. Drayer, lang volgens Nederlandse meetbrief 23 el 63 duim, wijd 4 el 70 duim, hol 2 el 57 duimen, en alzo gemeten op 121 tonnen.
Breder bij de inventaris en bericht bij de bovengenoemde makelaar. (opm: zie AH 300837)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. C. Zunderdorp, te Texel, gekwalificeerd met de reclame der lading van het in de nacht van de 24e juli jl. op de buitengronden tussen Vlieland en Terschelling gestrande en verbrijzelde Amerikaans fregatschip EULIONE, kapt. Silas Swift, komende van New-Bedford, met een lading bestaande in vaten traan en wijn, naar Bremen gedestineerd,
verzoekt alle heren opper-strandvonders en verdere autoriteiten, met de surveillance van de stranden aan de Zuiderzee, Friese kust, stranden en havens belast, welke van deze lading traan gemerkt: W S, 1 à 372, D C 1 à 64 & 1 à 17, A, 1 à 109, M-L-W, 1 à 21, benevens de vaatjes wijn, met rood geverfde bodems, en gemerkt: Dabney E P, onder hun ressort geborgen, of door schuiten van zijn aangebracht, en onder deszelfs custodie (opm: bewaring) zijn opgeslagen, daarvan ten spoedigste aan bovengemelden de opgave daarover in te zenden.


08 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 6 augustus. Het heeft Z.M. de koning behaagd, door tussenkomst van het departement van marine, Hoogstdeszelfs goedkeuring en tevredenheid te doen betuigen aan de adelborst op het Koninklijk Instituut der Marine te Medemblik, Jacob Willem Noordziek, en de matroos der eerste klasse Willem Veeneman, wegens het met eigen gevaar redden van de scheepsjongen J.F. Schmidt, welke op den 12e der vorige maand van het instructievaartuig URANIA was over boord gevallen, en aan ieder hunner een daarop toepasselijke zilveren medaille te doen uitreiken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Den 29 juli is te Duisburg de brik DE RHIJN, zijnde het eerste schip, dat in de Rijnprovinciën voor de overzeese vaart gebouwd is, met veel plegtigheid van stapel gelopen en heeft dadelijk daarop de vaart over Dusseldorp naar Keulen voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. De Javasche Couranten van den 29 maart en 2 april behelzen geen bijzonder nieuws.
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. fregat DIANA, brik ORESTES, corvetten CASTOR en AJAX, schoener SIREEN; civiele schoeners DORIS en ALCINOE; Nederlandse schepen VROUW JEANNETTE, MERCURY, PRINSES MARIANNE, KOLONEL KOOPMAN en DE TWEE CORNELISSEN; brikken TARTAR, INDRAMAYOE, ALYDA en DOROTHEA;
bark JANE; schoeners NIJVERHEID, OEY TEKSING en GUANKIEN; kotter TOLERANTIE;
Amerikaanse schepen STAG, ROME en ARNO; Engels schip EDEN, Portugees schip NOSTRA SINHORA DE LUX, Chinese jonk JIETHIENG, en Cochin-Chinaschip THIOY LONG.
Ter rede van Soerabaya lagen den 22 maart Zr.Ms. corvet ZWALUW, stoomschip HEKLA, brik SIWA, schoeners KROKODIL, JANUS, CASTOR, en kanonneerboot no. 15;
Nederlandse schepen SINGAPOERA, JOHANNA FREDERIKA, L’ESPERANCE, ERICH, SUMATRA, GRACE, ATIAT RACHMAN, JOHANNA SUSANNA, PRINSES MARIANNE en KOLONEL KOOPMAN; stoomschip VAN DER CAPELLEN; brikken DE HOOP, TWEE GEZUSTERS, COURIER, INDRAMAYOE, SUSANNA DOROTHEA, ONDERNEMER en ALIE OESOOR; barken ZEPHYR en REMBANG; schoeners CORINGA, CAROLINA en DIANE; Amerikaans schip HENRY TAKE en Franse bark FRANÇOIS L’HONORÉ.
Het Nederlandse schip OUD-ALBLAS is den 22 maart van Soerabaya naar Passaroeang gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Den 4 dezer arriveerden te Helvoetsluis Zr.Ms. stoomboten CERBERUS, kapt.-luit. Frank, en PHOENIX, kapt.-luit. Le Jeune; KOLONEL KOOPMAN, A.L. van der Valk, van Batavia; VOORWAARTS, G. Don, van New-York, en de HOOP, L. Storm, van Lissabon.
Den 5 dezer arriveerde KOOPHANDEL EN ZEEVAART, H. den Breems, van Lissabon.
Den 6 dezer zeilden JACOB CATS, J. van der Linden, LOUISA PRINSES DER NEDERLANDEN, J. Chevalier, STAD SCHIEDAM, D.H. de Boer, en VROUW JOHANNA ELIZABETH, H.J. Bonn, naar Batavia; NEÊRLANDS TROUW, B.J. de Groot, naar Petersburg; JOHANNA GEZIENA, P.G. Schuur, naar Liverpool; WILLEM OLIVIER, G.J. Korter naar … (opm: niet ingevuld); MERCUUR, W. Harkema, naar Cardiff, en arriveerden de VRIENDSCHAP, J.H. Ahrens, van Nerva; MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, van Bergen, ANNA SIBERDINA, J.H. Ugen, en JONGE MARGARETHA, J.K. Wijkmeyer, van Riga; ALIDA KLAZINA, K.E. Tiktak, en HERSTELLING, H. Potjer, van Libau (opm: Liepaja).
Nog zeilde naar zee HENDRIKA, P. Admiraal, naar Batavia, welke echter over het Pampus ten anker is gekomen. De wind N. en N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Den 5 dezer zeilden uit de Maas CONCORDIA, J.E. Kwakenburg, naar Bergen, en arriveerde ’S LANDS WELVAREN, W. Schep, van Tromsoe.
Den 6 dezer arriveerde WILHELMINA, J.G. de Wall, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), en DE HOOP, J. Butyn, van Bergen, en zeilde ZORG EN VLIJT, J. Berghuis, naar Belfast.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Den 5 dezer zeilden uit Maassluis ANKINA, J.W. Hazewinkel, naar Stettin (opm: Szczecin), en WILLEMINA, G. Trens, naar de Noord Zee.
Den 6 dezer zeilde JUFFER YNSKE, S.T. Kramer, naar Cardiff.
Den 7 dezer zeilde JOHANNA CORNELIA, A. Seeuwen, naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Het schip de WELVAART, kapt. C.E. Bodiger, van Bremerhaven naar Amsterdam, is, volgens brief van Helgoland van den 28 juli, aldaar op de klippen gestrand, doch door loodsen weder af en zwaar lek ter rede binnengebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 augustus. Uittreksel uit de Lloydslijst van 5e augustus:
De JEANNETTE PHILIPPINE, van Amsterdam naar Batavia, is den 3 dezer op 9º Z.B. 31º W.L. gepraaid.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip JANTINA, kapt. H.C. de Groot van Hull naar Christiansand, was op 11 juli op de hoogte van Nye Hellesund.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De Hollandse kof ELIZABETH (opm: ELIZABET), kapt. S.J. Brouwer, was op 7 juli te Buccari (opm: Bakar, 45º17’ N.B. 14º33’ O.L.) bezig een lading duigen voor Marseille in te nemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Harlingen, den 5 augustus. Op heden is alhier van de werf van de scheepstimmerlieden A.D. & L. Alta, met het beste gevolg en in tegenwoordigheid van een grote menigte toeschouwers, van stapel gelopen het kofschip JOHANNES, gebouwd voor rekening van de heren Barend Visser & Zoon, alhier.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 30 juli 1837 het brikschip HAABETS ANKER, kapt. P. Clemethsen, van Riga.
Den 2 augustus het kofschip CATHARINA ENGELINA, kapt. E.H. de Groot, van Memel, het tjalkschlp de VEREENIGDE TROUW, kapt. G.W. Stuit, van Dantzig.
Den 3 dito de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin en ORWELL, kapt. J. Holl, beide van Londen.
Den 4 dito het kofschip MARGRETHA, kapt. T.K. Mulder, van Marennes.
Uitgezeild: Den 31 juli de schoenerschepen HOPE, kapt. W. Cousins, FLORA, kapt. J. Manning, HERO, kapt. W.S. Howard, alle drie naar Londen en JOHANNA MARIA, kapt. R.J Molser, naar Newcastle; de kofschepen CONCORDIA. kapt. H.B. Drok, naar Noorwegen en die GUTE HOFFNUNG, kapt. T.J. Tholen, op avontuur.
Den 1 augustus het smakschip de VROUW GEZINA, kapt. J.H. Mulder, op avontuur, het kofschip de JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, op avontuur, het brigantijnschip ACTIVE, kapt. J.L. Meijer, naar Memel, het kofschip MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, naar Noorwegen.
Den 2 dito het barkschip JOMFRAU MARIA, kapt. J.J. Giersoe, naar Noorwegen; het brikschip UNITIJ, kapt. W. Williams, naar Schotland.
Den 3 dito het kofschip de HUNSE, kapt. H.J. Ketelaar, naar Liverpool, het tjalkschip ANNAGINA (opm: VROUW ANNEGIENA), kapt. R.H. Dokman, naar Hamburg, het kofschip WILLEM, kapt. H.W. Kiers, naar Noorwegen.
Den 4 dito het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Grooth, naar Noorwegen.
Den 6 dito de schoenerschepen LIVELIJ, kapt. S.H. Finch, FAME, kapt. W. Barfield en FRIENDS, kapt. J. Manning, alle drie naar Londen; het kofschip de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, naar Dundee.


09 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 7 augustus 1837: het Nederlands gebouwd en gekoperd schoenerschip VAN SPEIJK, kapt. E. Visser: NLG 14.000, in slag NLG 200, koper J. Boelen (opm: zie AH 240737; een makelaar namens de Fa. Insinger & Co, Amsterdam; met behoud van naam ginghet schip onder kapt. C. van der Wind in oktober weer naar zee)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 4 augustus. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark CATHARINA JOHANNA, kapt. J.E. Schneebeke, met een passagier, de 29e mei vertrokken van Rio de Janeiro.


10 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Den 7 arriveerde in Helvoetsluis INDIAAN, O. Kievyt, van Batavia.
Den 8 dezer arriveerden ALBERTINA, H.K. Potjewijd, van Libau (opm: Liepaja); NEÊRLANDS TROUW, B.J. de Groot, van Stockholm, en ZORG EN VLIJT, J. Berghuis, van Liverpool, en zeilden VENILIA, R.J. Kranenborg, naar Liverpool, en VRIENDSCHAP, K.J. Bakker naar Nerva.
Den 9 dezer arriveerden WIETZIENA, D.J. Greeven, VROUW HENRIETTE, H.F. Klie, GOED BURGERLAND, P.H. Levensen (opm: buitenlander), en TWEE GEBROEDERS, K.A. Sprik, van Riga en zeilden WILLEM, J.F. Klomp, KORTENAER, A. Glazener, en CANTON, D.G. Niesen, naar Batavia; TREKVOGEL, J. Spanjersberg, en VRIENDSCHAP, J.R. Kwakkelsteyn, naar Lissabon; EENDRACHT, C. van Gelderen jr, naar Malta; GEZIENA, K.K. Wijkmeyer, en JULIE, J.J. Schildwacht, naar Libau (opm: Liepaja), en TREKVOGEL, D.H. Hazewinkel, naar Bergen.
Den 10 dezer zeilde JONGE MARIA, G.J. Meeuw, naar Smyrna (opm: Izmir). De wind O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Den 8 dezer zeilde uit de Maas VROUW MAGDALENA, M. van der Putten, naar Londen.
Den 9 dezer arriveerden ANNA ELIZABETH, S. Harkes, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), en MOUSINA, D.D. Klontje, van Dantzig (opm: Gdansk), en zeilde GERBERDINA, H.A. Oldenburg, naar Noorwegen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Den 8 dezer zeilde van Maassluis VROUW JOHANNA, S. Post, naar St. Ubes (opm: Setubal).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Kapt. O. Kievyt, van Batavia te Helvoetsluis binnen, rapporteert bij de Kaap de Goede Hoop gezien te hebben de bark DANKBAARHEID AAN DE NEDERLANDSCHE HANDEL-MAATSCHAPPIJ, kapt. P. Landberg, van Rotterdam naar Batavia, en den 26 mei gepraaid, op 7º26’ N.B. 23º10’ W.L. het schip DE ZEEUW, kapt. J.J. ter Hofsteede, met Zr.Ms. troepen van Middelburg naar Batavia; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Kapt. J. Berghuis, van Liverpool te Helvoetsluis binnen, rapporteert, den 3 dezer op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness ) gepraaid te hebben de schoener JONGE MARIA, kapt. J.E. van Hoogerhuizen, welke zijn tweede stuurman had verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. In het Vlie is binnen H. Rickmers, van Groenland met een vis (opm: walvis) en 56 robben of 42 quarterdelen spek.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 augustus. Kapt. R.S. Oldendorp (zie RC 110737), van Livorno in Texel binnen, heeft den 31 juli, de Meeuwensteen (opm: Mewstone Rock, waarop Eddystone Lighthouse; 50º11’ NB 04º16’ WL) vier mijlen ten N.O. van zich hebbende, gepraaid de Nederlandse hoeker de HOOP, kapt. D. Guyt, van Rotterdam naar Liverpool.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping van een Paveljoenschuit, genaamd DE TWEE GEBROEDERS, groot 39 tonnen, op dinsdag den 15 augustus 1837, des namiddags ten vier ure, aan de Noordblaak, bij het Alkmaarsche Hoofd, met derzelver mast, staande en lopend want en toebehoren, zeil, fok, haken en bomen, zoals hetzelve zeilree liggende te zien is op de dag van de verkoping, van des morgens 9 tot 4 ure.
J.J. Suerhoff, Deurwaarder


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping op heden den 10 augustus 1837, des voormiddags ten half elf ure, in het Notarishuis, aan de Gelderschekade, te Rotterdam, ten overstaan van de Griffier bij de Regtbank van Koophandel aldaar, van 30 vaten spijkers, meer of min beschadigd, aangebragt van Antwerpen met het schip AVONTUUR, kapt. B. Weymans. Gemelde vaten spijkers zijn liggende in een pakhuis aan de Wolfshoek, terwijl nadere informatiën zijn te bekomen ten kantore van de heren Johs. Ooms Ez. en Co, aan de Wolfshoek.


11 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Verkoping op rechterlijk gezag. Kapt. Jan Klaasen de Jong, voerende het smakschip DE HOOP, van Stettin naar Rouaan bestemd, te Terschelling in averij, zal ter voldoening van averijkosten op dinsdag de 15e augustus 1837, ’s ochtends om 10 uur, te Westerschelling in hetlogement genaamd Het Wapen van Amsterdam, ten overstaan van de aldaar residerende notaris J. Reedeker Fz., hiertoe behoorlijk gecommitteerd, publiek presenteren te verkopen een genoegzaam gedeelte zijner lading pl.m. tien lasten ruw zink in platen. Nadere informatie ten kantore van genoemde notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ter rede van Batavia lagen op 31 maart Zr.Ms. oorlogsfregat DIANA, de corvetten CASTOR en AJAX, de brik ORESTES, schoener SIREEN en de civiele schoeners DORIS en ALCINOE.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van een bevoegde beambte, zal, op bekomen rechterlijke authorisatie, op 26 augustus 1837 des voormiddags te 11 uur, ten huize van kastelein H.G. Roelfzema te Delfzijl, om contant geld, bij onderscheidene kavelingen worden verkocht: een lading raapzaad, bestaande uit ongeveer 38 lasten, aangebracht door kapt. E.E. Pot met deszelfs schip HARMINA MARGRIETHA (opm: tjalk HARMINA MAGRIETA).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een halfsleten Boot met 2 stel zeilen en verdere toebehoren, lang over steven 5 el 7 palm en 5 duim, bij O.J. Bijlsma, scheepstimmerbaas te Wartena.


12 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 augustus. Den 9 zeilden van Helvoetsluis EMANUEL, J.F. Wilgoes, naar de Oost Zee, en de TWEELINGEN DANIEL EN WILCO, H.F. Klein, naar Riga, welke echter door stilte voor het Pampus ten anker gekomen zijn. De wind Z.Z.O. en stil.
Den 10 arriveerden JANTINA PETRONELLA, B.P. Kolk, van Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 augustus. Den 10 dezer zeilde van Brielle ONDERNEMING, J. Engelenburg, naar Elseneur (opm: Helsingör), en arriveerde VREEDE, R.W. Vos, van Drammen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 augustus. Den 9 dezer zeilde van Maasluis WILLEMINA CHRISTINA (opm: kof HILLECHIENA CHRISTINA), G.E. Broekema, naar Dantzig (opm: Gdansk).
Den 10 dezer zeilden ONDERNEMING, G.B. Flik, naar Drammen, MEDEMBLIK, P.J. Carst, en CATHARINA JULIA, P.H. Hazewinkel naar St. Petersburg; DOROTHEA MARIA, F.J. Brouwer, en GOEDE VERWACHTING, J.L. van der Sluis, naar Hamburg, en WAAKZAAMHEID, J.K. de Weerd, naar Nerva.
Den 11 dezer zeilde GOEDE TROUW, K.J. Masker, naar …(opm: niet ingevuld). De wind W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Hoofd-Departement der Marine van de Maas. Op woensdag den 16 augustus 1837, des middags ten 12 ure, zal door de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis, in het bijzijn van de Constructeur der 2e klasse en de Onder-Equipagiemeester aldaar, onder de nadere goedkeuring van het Departement van Marine, bij inschrijving of op bod, tweeledig worden aanbesteed het uitdiepen van de Oude Zeehaven over de gehele oppervlakte van de Havenhoofden der Oude Haven tot aan de Zeesluis te Hellevoetsluis, op zodanige conditiën en voorwaarden, als breder zijn vermeld in het bestek. (opm: sterk bekort)
Rotterdam, den 5 augustus 1837
De Vice-Admiraal, Directeur en Commandant der Marine, Jonkh. H.A. Ruysch


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De commissie voor de Rijnvaart te Rotterdam, door het Hoger Bestuur belast zijnde met de regeling der schadeloosstelling van Rijnscheepvaartregten, welke sedert 1 maart tot en met den 26 juli 1837 door Nederlandse schippers aan de Pruissische kantore zijn betaald geworden (opm: zie RC 010837), zo worden de tot de bedoelde vergoeding geregtigde schippers hiermede uitgenodigd, om zich te vervoegen ter gewone Vergaderkamer der Commissie, boven de Beurs, alwaar voorlopig tot 15 september aanstaande, des dinsdags, woensdags, donderdags en vrjdags, des morgens van 9 tot 11 ure, door de Secretaris zal worden gevaceerd tot het geven van inlichtingen nopens de wijze waarop de aanvrage tot schadeloosstelling door de belanghebbenden behoort te worden ingerigt, en ter uitreiking van de daartoe betrekkelijke Certificaten van afrekening.
Rotterdam, den 11 augustus 1837, de Commissie voor de Rijnvaart, W. Weiland, President,
P. van Galen, Secretaris


  AH - Algemeen Handelsblad

Texel, 10 augustus. Uitgezeild de VREDE, J.J. Greeven naar Dantzig.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 10 augustus. De 8e dezer is hier aangekomen het Nederlandse schip PRINS VAN ORANJE, kapt. P. de Boer, met 12 passagiers en Zr.Ms. troepen, de 24e april vertrokken van Nieuwediep.
Gisteren is hier aangekomen de Nederlandse bark JAVA, kapt. H. Peters, de 29e april vertrokken van Rotterdam.
Heden zijn hier aangekomen het Nedrlandse schip DORTENAAR, kapt. J.F.A.P. Abbema, de 29e april vertrokken van Dordrecht, het dito schip JEANNETTE PHILIPPINE, kapt. L.A.J. Boulet, de 17e april vertrokken van Texel, en de dito bark MARIA, kapt. J.J. Remkes, de 12e april vertrokken van New York.


15 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Den 12 dezer zeilden van Helvoetsluis ALCYON J. van der Linden, naar Lissabon; LUDOLF THEODORUS, J.A. Zyl, naar … (opm: niet ingevuld); ENGELINA, R.H. Bok, en JUFFER FRESINA, J.H. Potjer, naar Liverpool, en HARMONIE, G.E. de Boer, naar Riga.
Den 13 dezer arriveerde KLEINKINDEREN, A. den Breems, van Lissabon.
Den 14 dezer zeilden NEPTUNES, W.A. Bakker, en GEZIENA, J.G. Postema naar Liverpool, en MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Den 12 dezer zeilde van Maassluis VRIENDSCHAP, R.R. Sap, naar Harwich.
Den 14 dezer zeilde VROUW ANNA, N. Wilkens, naar Hamburg, ANNA ADELHEID, G. Wesseling, naar Stettin (opm: Szczecin), en MARGARETHA SUSANNA, W.J. Warnekes, naar Dantzig (opm: Gdansk).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Den 14 dezer zeilden uit de Maas GOEDE VERWACHTING, A. Hoogendijk, naar Gibraltar, en ANJA, A.C. Hazewinkel, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Kapt. A. van der Valk, van Batavia te Rotterdam gearriveerd, rapporteert, den 3 april, bij het Prinsen-Eiland, in Straat Sunda, te hebben gezien een schip, tonende vlag van het collegie Zeemanshoop, met no. 350, zijnde die van kapt. H.T. Amsberg, voerende het schip FLEVO, van Amsterdam naar Batavia, als ook den 4, buiten straat Sunda, op 7ºZ.B. 104º8’ O.L, te hebben gepraaid het schip DE NEDERLANDEN, kapt. A.J. Struik, mede van Amsterdam naar Batava, aan welks boord alles wel was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Een eskader Nederlandse oorlogsschepen, koers stellende om de west, is den 6 dezer buiten Goodwin Sands om Deal gepasseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Het schip ZEEMANSHOOP, kapt. C.P. Kuipers, van Amsterdam naar Batavia, is den 6 dezer te Deal binnengelopen, doch heeft dadelijk de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 augustus. Het schip DE DOLPHYN, kapt. B.J. Bakker, van Boston (opm: V.S.) naar Rotterdam, is den 9 juli ter rede van Hampton (opm: Virginia, V.S.) binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een vaartuig, groot ongeveer 16 last, bekend onder de naam van DRAAI OVER BOORD met staande en lopend want, nieuw zeil, enz.
Adres Westnieuwland, wijk D, no. 72 te Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HILLEGINA, kapt. H.J. Panman, van Rostock naar Rouen, laatst van Delfzijl, is volgens brief van Grietzijl (opm: Greetsiel) van 20 juli, met verlies van ankers, touwen, zeilen en andere zware schade, aldaar binnengelopen. (opm: de kof, bouwjaar 1830, kapt. Wijcher Jans Panman, werd wegens bodemarijschuld ter plaatse verkocht)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: tjalk) DE HOOP, kapt. A.L. de Vries, van Stettin naar Rouen, is op 4 augustus te Deal binnengelopen en blijven liggen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) de DOLPHIJN, kapt. B.J. Bakker, van Boston naar Rotterdam, is op 9 juli ter rede van Hampton (opm: Hampton Roads, V.S.) binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 6 augustus 1837 de kofschepen de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra en IJPEUS, kapt. H. Weerd Jr, alle drie van Noorwegen.
Den 7 dito het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, van Newcastle.
Den 8 dito het tjalkschip de JONGE ALBERT, kapt. P.A. Ellens, van Dantzig; de kofschepen de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, GEZINA, kapt. B.A. Visser, de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, het smakschip de JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, alle vier van Noorwegen.
Den 9 dito het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, van Noorwegen, de kofschepen JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, van Noorwegen, JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veer, van Stettin, GROOT LANKUM, kapt. J. Stuut, van Christinastad en HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, van Noorwegen.
Den 11 dito het kofschip AUGUSTA CATHINKA, kapt. L.J. Dreijer, van Dantzig, het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Newcastle, het barkschip
SPITSBERGEN, kapt. H. Rickmers, van de Groenlandse Visserijgronden, het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, van Noorwegen. het ..…..schip VRIESLAND, kapt. T.W. Stuit, van Riga, het schoenerschip UNION, kapt. H.B. Disney, van Londen.
Uitgezeild: Den 8 augustus het galjasschip DELPHIN, kapt. J. Vos naar de Oostzee.
Den 9 dito het brikschip HAABETS ANKER, kapt. P. Clemethsen, naar Noorwegen.
Den 10 dito het kofschip MERCURIUS, kapt. H.F. Visser, naar Noorwegen, het smakschip AMELIA, kapt. E.G. Jonker, naar de Oostzee, het kofschip EIJERLAND, kapt. J.L. du Bois, naar Emden.
Den 11 dito de kofschepen IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, en CATHARINA ENGELINA, kapt. E.H. de Groot, beide naar Noorwegen.
Den 12 dito het kofschip MARGRETHA, kapt. T.K. Mulder, naar Noorwegen, het tjalkschip de VEREENIGDE TROUW, kapt. G.W. Stuit, naar de Oostzee, de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin en ORWELL, kapt. J. Hall, beide naar Londen.


16 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens particulier bericht is de 12e juni te Bahia met zware schade aan schip en tuigage binnengelopen een groot Nederlands driemastschip, hetwelk naar ogenschijn veel volk aan boord had; de naam echter nog onbekend.
(opm: zie AH 310837)


18 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. In de maand september zal van Amsterdam naar Batavia vertrekken, het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks fregatschip OOST-INDIEN, kapt. G. Blom, voorzien van een bekwame scheepsdokter en van een goed ingerichte kajuit.
Personen en families van deze gelegenheid, voor de overtocht naar Java, gebruik willende maken of iemand die goederen te verzenden hebbende, gelieve zich te vervoegen ten kantore van de cargadoors Hoyman en Schuurman te Amsterdam.
(opm: eerste reis nieuw schip)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Op 11 juli lag te New York zeilklaar B.R. van Wijk (opm: JONGE BAREND) en op 12 juli B.H. Schuring (opm: TRITON), beide naar Amsterdam bestemd.


19 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. Den 17 dezer arriveerde te Helvoetsluis ACHT GEBROEDERS, H.H. Kramer, van Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 augustus. Het schip de JONGE EGBERTUS, kapt. J.B. Mulder, heeft den 8 dezer te Cardiff een aanvang gemaakt met een lading ijzer voor Rotterdam in te nemen.


  JC - Javasche Courant

’s-Gravenhage, 18 april. Men is thans bezig een oude Hollandse Oost-Indië-vaarder, de AMSTERDAM, die op de kust van Hastings gestrand is, uit het zand op te halen. Het scheepsvolk sloeg aan het muiten ter zake van een kwaadaardige ziekte, die aan boord heerste, en liet de bodem in het jaar 1749 bij uitnemend gunstig weder op strand lopen. Het was een schip van 997 ton, 151 voet lang en 39 voet breed, en had een lading van Chinees kunstwerk, glas, 10 ton koper en een grote menige kwikzilver in. Het voerde 14 stukken. Een 97-jarig man te Brighton herinnert dit vooral nog zo levendig, dat hij in staat is de werkzaamheden tot opdelving door zijn inlichtingen te besturen. Men is tevens door deze inlichtingen in staat zich een juist begrip van de overweldigingen der zee in zeker bepaald tijdstip te vormen. (opm: curieus bericht, daarom opgenomen)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 17 augustus. Heden zijn hier aangekomen de Nederlandse bark POLLUX, kapt. P. Huidekoper, de 10e mei vertrokken van Amsterdam, en het dito schip ADMIRAAL TROMP, kapt. P.J. Kerkhoven, met negen passagiers en Zr.Ms. troepen, de 4e mei vertrokken van Amsterdam.


22 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Den 16 dezer is te Cappelle op den IJssel, bij de scheepsbouwmeesters W. & J. Hoogendijk en Co, met goed gevolg van stapel gelopen het barkschip, groot circa 400 tonnen, genaamd STRAAT SUNDA, voor rekening van de heren Gebr. Hendrichs en Co, te Amsterdam, bestemd voor de vaart op Oost-Indië.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Den 18 arriveerde te Helvoetsluis MARIA BEERTA, K.A. Tap, van Riga.
Den 20 dezer arriveerden WENDELINA, H.J. Mulder, van Oleron, en MARGINA, J.P. Boer, van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Den 19 dezer zeilde uit de Maas NEÊRLANDS KROONPRINS, J. van der Meyde, naar Riga, doch is in de Put ten anker gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Volgens brief van Margate, van den 13 dezer, was de vorige dag op de hoogte van Noord-Voorland (opm: North Foreland) gevist en te Margate aangebragt een fust Hollandse jenever, bij het spondgat gemerkt VP no. 317.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 18 augustus:
Gepraaid, QUEEN OF THE NETHERLANDS (opm: kapt. P. Sipkes, fregat KONINGIN DER NEDERLANDEN), den 8 mei, op 25º Z.B. 24º lengte (opm: W.L).


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Door verandering van Affaire uit de hand te koop: het fraaij betimmerd Paviljoenschip, genaamd de VROUW MARIA VAN BOSKOOP, met deszelfs staand en lopend want, ankers en bijna nieuwe touwen, voerende een bezaantuig, en verder een uitmuntende inventaris, zijnde lang over steven 16 ellen 7 palmen, wijd 5 ellen 4 palmen, hol onder de luiken 2 ellen 1 palm, groot volgens meetbrief 59 tonnen, zijnde allerbrillantst ingerigt zowel voor vervoer van Passagiers als Vrachtgoederen, alzo bijzonder geschikt voor een Beurtschip, en in alle opzigten accuraat onderhouden.
Te bevragen, onder franco brieven, bij T. de Wilde, Beurtschipper van Haastrecht op Amsterdam, en bij de eigenaar A. de Boer Wz te Boskoop.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men is van mening, ten overstaan van de Notaris Mr. J.C. Verkade, residerende te Vlaardingen, op morgen den 23 augustus 1837, des voormiddags ten tien ure, aan de westzijde van de haven, te Vlaardingen, publiek te verkopen: de Inventaris van een Kofschip, genaamd geweest CORNELIA, laatst gevoerd geworden door schipper Rijkert Albert Oortjes (opm: zie RC 270437), van Veendam, bestaande in 2 ankers, 2 kabels, 34 stuks trosjes met blokken (opm: mogelijk talies voor het sjorren van deklast), 2 kluivers, 1 breefok, 1 grootzeil, 2 topzeilen, 2 bezaanzeilen, 1 stagfok, 1 bramzeil, 1 jager, 2 schuilzeilen, 1 stormkluiver, 1 stormbezaan, 1 kluiffok, 2 bootzeilen, 2 waterketels, 1 koeken- en 2 stoofpannen, 1 gortpot, 2 kruiken, 1 tinnen schotel, 4 borden, 3 schoppen, 2 schaven, 1 dissel, 2 dieploden en priemen, 3 compassen, benevens enige victualie en wat verder te koop zal worden gepresenteerd; alsmede een boot met 4 riemen. Nader onderrigting te bekomen ten Kantore zo wel van de Heren Kuyper, Van Dam en Smeer te Rotterdam, als van voornoemde Notaris te Vlaardingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping bij Regterlijk Gezag van het Zweedse Brik- of Schoenerschip, genaamd PALLAS, liggende in de Wijnhaven, bij de Punt, te Rotterdam, lang over steven 19 ellen 40 palmen, wijd 4 ellen 34 palmen, hol 2 ellen 93 palmen (opm: palmen [decimeters] is hier onjuist gebruikt; de afmetingen zijn 19,40 x 4,34 x 3,98 m), volgens meetbrief groot 118 Nederlandse tonnen, met deszelfs masten, boegspriet, rondhouten, staande en lopende want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsgereedschappen, volgens inventaris.
Gevoerd geweest bij kapitein John Gustav Holstein, en aan denzelve voor de helft en voor de wederhelft aan de Heer Brynolf Ericton, Koopman te Gothenburg, in eigendom toebehorende, ten verzoeke van de Heer Nicolaas Koning Dzn, Koopman te Rotterdam, hebbende ten deze domicilium gekozen ten Kantore van de voor hem occuperende Procureur Willem Simon Burger junior, aan de Haringvliet, wijk M, no. 36, te Rotterdam, requirant in krachte van een vonnis, gewezen door de Regtbank van Koophandel, zitting houdende te Rotterdam voornoemd, in dato den 18 juli l.l, geregistreerd den 22 daaraan volgende, ten Kantore van de Heer Ontvanger De Clermont gewezen in zake van denzelve als Eiser contra kapitein John Gustav Holstein gedaagde, en bij hetwelk dezelve is gecondemneerd aan de Requirant te betalen een som van 4.627,66 gulden, met de interessen en kosten, en waarvoor het hiervoren vermeld schip, toebehoren en vrachtpenningen zijn verklaard speciaal te zijn verbonden en executabel, en daarna arrestant op hetzelve schip en toebehoren.
De Executant heeft het voorschr. schip en toebehoren ingezet om en voor de som van 600 gulden.
De eerste opbieding heeft plaats gehad op maandag den 21 augustus; de tweede zal geschieden op maandag den 28 augustus 1837, en de derde of laatste op maandag den 4 september 1837, respectievelijk des voormiddags ten half elf ure, in het Paleis van Justitie, aan het Haagscheveer te Rotterdam, ten overstaan van de Wel Edel Gestrenge Heer Mr. S. Roosendael, Regter in de Regtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Rotterdam voornoemd, als daartoe door gemelde Regtbank gecommitteerd.
De Memorie van Lasten is gedeponeerd ter Griffie van meergemelde Regtbank, en kopij derzelve ligt ter visie ten Kantore van voornoemde Procureur W.S. Burger junior, bij wie ook nadere informatiën te bekomen zijn.
(opm: het schip was 22 juni van Baltimore te Rotterdam aangekomen, zie RC 240637)


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Publieke verkoping te Bremerhaven.
Op woensdag de 30e augustus e.k. voormiddags te 10 uur, zal op aanzoek van kapt. K.R. Klaassen, het door hem gevoerde en onder Nederlandse vlag varende, extra op de zeilage gebouwd smakschip ALBERDINA, groot circa 40 lasten, aldaar in de haven liggende, nevens deszelfs inventaris, ten huize van de heer G. Gross, aldaar, aan de meestbiedenden verkocht worden; waartoe ieder die gading heeft, wordt uitgenodigd (opm: zie ook RC 300537; het schip, bouwjaar 1830, kapt. Klaas Roelfs Klaassens, werd verkocht, mede gelet op de eerdere schade [zie PGC 170337] vermoedelijk voor de sloop)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip MARGINA, kapt. J.P. de Boer (opm: kof, kapt. J.P. Boer), van Bordeaux naar Rotterdam, was op 18 augustus op de hoogte van Wight.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VIJF GEBROEDERS, kapt. C. van der Hoeven, 37 dagen reis hebbend, van Havana naar Rotterdam is op 12 augustus gepraaid op 48º48’ N.B. en 9º6’ W.L.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ELISABETH, kapt. F. Fokkens, van Batavia, Samarang, Sourabaya en Tjilatjap naar Rotterdam aan Kaap de Goede Hoop, binnen heeft op 3 mei de reis voortgezet.


 GRC - Groninger Courant

Den 15 augustus de Sont gepasseerd de VREDE (Groningen), J.J. Greeven van Alkmaar naar Dantzig.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 13 augustus 1837 het sloepschip WILLIAM, kapt. S.Carr en het schoenerschip HOPE, kapt. W. Cousins, beide van Londen.
Den 14 dito het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen, de kofschepen EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, GEZINA, kapt. J.F. de Boer, WILHELMINA, kapt. R.K. Visser en het smakschip ALIDA, kapt. J.H. Bondt, alle vier van Noorwegen, het schoenerschip HERO, kapt. W.S. Howard, van Londen.
Den 15 dito de smakschepen de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Cappen, de VERWACHTING, kapt. J. Eilers, beide van Noorwegen, de kofschepen MARIA BARBARA, kapt. D. Meesman, van Dantzig, de VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot en de GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, alle drie van Noorwegen.
Den 16 dito het kofschip PIETER, kapt. J.H. de Weerd, van Noorwegen.
Den 17 dito de kofschepen JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, van Riga, de JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, de JUNGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe en MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, alle drie van Noorwegen, het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, van Sunderland.
Den 18 dito de brikschepen WILHELM FRIDRICH, kapt. S.A. Parr, van Noorwegen, en EMILIE, kapt. J.W. Bleckert, van Stettin, het kofschip ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, van Noorwegen.
Den 19 dito de kofschepen JACOBA HAZEWINKEL, kapt. J.G. Boon, van Memel en EIJERLAND, kapt. J.L. du Bois, van Emden, het galjasschip die DREI STERNE, kapt. W.N. Davids, van Riga.
Uitgezeild: Den 13 augustus het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, naar Newcastle.
Den 14 dito de kofschepen de JONGE DERK, kapt. W.H. Mulder, de JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, de JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubers, en HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, alle vier naar Noorwegen.
Den 15 dito het schip de JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, naar Noorwegen.
Den 16 dito het kofschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, naar Noorwegen, het sloepschip WILLIAM, kapt. S. Carr, naar Leer.
Den 17 dito het kofschip JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok en het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, beide naar Noorwegen.
Den 18 dito het kofschip GEZINA, kapt. B.A. Visser en het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, beide naar Noorwegen.
Den 19 dito het smakschip de VERWACHTING, kapt. J. EiIers, naar Noorwegen, de schoenerschepen SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Schotland, FLORA, kapt. J. Manning en UNION, kapt. B.H. Disneij, beide naar Londen.


23 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te Schiedam ligt in lading naar Batavia, om in de maand september te vertrekken het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks barkschip DE EENDRAGT, kapt. Jan Ydes van der Zweep; voorzien van een bekwame scheepsdokter. Personen of familien naar Java willende vertrekken, en van deze, voor de overvoer van passagiers, uitmuntend ingerichte bodem, wensende gebruik te maken, of goederen te verzenden hebbende, worden verzocht zich te adresseren ten kantore van de cargadoors De Groot Roelants & Co en van A. Prins en Co.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op de vendutie van vrijdag de 25e augustus zal, voor het commissie-huis van J Speet, voor rekening van wie het aangaat, publiek zonder reserve worden verkocht het schip ZEPHIER, geheel van jatiehout gebouwd en pas in de maand januari dezes jaars geheel nieuw gekoperd, zo als hetzelve ligt op de Karang-Sidoelangs-klippen, tussen Pakkies en Indramaijoe, alwaar hetzelve gestrand is. Alsmede deszelfs lading, bestaande in 100 pikols Banka’s tin, 61 vaatjes staal en een menigte andere goederen, welke worden verkocht in de staat waarin dezelve zich bevinden.


24 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip HOLLAND, kapt. J.H.M. Struben, van Amsterdam naar Batavia, is de 17e juni te Rio Janeiro binnengelopen met schade aan de fokkemast, kluiverboom, en kleine schade aan tuigage. Het schip, lading en passagiers waren in de beste staat. De kapitein dacht binnen 14 dagen gereed te zijn om de reis te vervolgen.


25 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuw gebouwde gekoperde tweedeks fregatschip BETSY EN SARA, kapt. F.P. Reinholdt.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Comp. Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het galjootschip ANNA EN MARIA, kapt. Daniels Steenveld.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks driemast galjootschip WILHELMINA, kapt. Johan Nielsen Klint.
Adres bij Hoyman en Schuurman. Sluit 25 augustus.
Suriname. Het tweedeks driemast galjootschip CONCORDIA, kapt. Jan Daniel Diets.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip CATHARINA ANNA HELENA, kapt. Foeke Hiddes Zeylstra.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het nieuw gekoperde schoenerschip WILHELMINA FREDERIKA, kapt. J.H. Bodeman.
Adres bij B,D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip JULIA, kapt. J. Hilbrands.
Adres bij Hoyman en Schuurman. Sluit 31 augustus.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE JONGE WILLEM, kapt. G. van Medevoort.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip SUSANNA MARIA, kapt. Christoffel Spiegelberg.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het Nederlandse gekoperde tweedeks barkschip SURINA, kapt. Reinder van der Mey.
Adres bij Jan Corver en Co.
Demerary. Het gekoperde tweedeks brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. Pieter Simon Matzen.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE PLANTER, kapt. C.L. Adboll.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
New Orleans. Het gekoperde kofschip DE JONGE MARIA, kapt. J.E. van Hoogerhuize. Adres bij J.C. van Oven.Adres sluit 25 augustus.
Philadelphia en New York. Het nieuw gebouwde en gekoperde tweedeks fregatschip DE DRIE VRIENDEN, kapt. Jan Sipkes Feykesz.
Adres bij d’Arnaud en Co.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip HOOP EN VERWACHTING, kapt. J. Haasnoot.
Adres bij Van Ulphen en Comp.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip ZWAANTINA, kapt. H.J. Schuring.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip NEPTUNUS, kapt. Klaas Geerts Sipsma.
Adres bij Frederik Smit.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip AURORA, kapt. Atze. J. de Boer.
Adres bij J. de Rooy en C.I. de Grys en Zn. Vertrekt vóór of op 13 september op verbeurte der vracht.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip DE LEMMER, kapt. Johannes Tammes.
Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
Lissabon. Het gekoperde Nederlandse sloepschip DE HOOP, kapt. K. Haasnoot.
Adres bij J. Daniels en Zoon en Arbman en Coopman en de Witt en Lenaertz.
Liverpool. Het Nederlandse kofschip ENGELINAS JANTINA, kapt. Berend J. Wygers.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Port à Port. Het Nederlandse kofschip IDA CATHARINA, kapt. J. Veenhorst.
Adres bij H. Verweyde Czn. Vertrekt vóór of op 10 september.
Port à Port. De Nederlandse hoeker MARIA JOHANNA, kapt. A. v.d. Weiden.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz en J. Daniels en Zonen en Arbman.
Rochefort. Het Nederlandse kofschip FREDERIKA, kapt. Johannes Barends.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Triëst en Smirna. Het Nederlandse gekoperde brikschip HESPERUS, kapt. Peter Schackel. Adres bij Van den Bey en Comp., Nobel en Holzapffel en J. de Rooy.
Bergen. Het schoenerschip AMSTERDAM PACQUET, kapt. Jean Etienne Abel, van Bergen. Adres bij Canne en Balwe.
Bremen. Het schip DE JONGE PIETER, kapt. Albert Pieters.
Adres bij J. van Wessel en Zoon.
Danzig. Het Nederlandse schip OP HOOP VAN FORTUIN, kapt. A. H. Visker.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer, en H.A. Hespe.
Danzig. Het Nederlandse kofschip CATHARINA, kapt. K.H. Bekkering.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip SARA, kapt. H.G. Botje.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip DE VROUW JANTINA, kapt. Okke J. Kuiper. Adres bij Kranenborg en Zoon en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Lübeck. Het tjalkschip DE VIER GEBROEDERS, kapt. P.T. Teensma.
Adres bij H. Gullen.
Petersburg. Het Nederlandse gezinkte kofschip VREDE EN HOOP, kapt. Foppe G. Mellema. Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip MARIA TERESIA, kapt. Casper Hendriks Uil.
Adres bij Coopman en de Witt en Lenaertz, F. Smit, de Vries en Comp. en F. der Kinderen.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip MEIKE, kapt. J.A. Zeilinga.
Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip JOHANNA HILLEGONDA, kapt. Jan Derks Flik.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Riga. Het Nederlandse kofschip DE VROUW JOHANNA, kapt. Derk Derks Flik.
Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.


  LC - Leeuwarder Courant

Engeland. De stoomboot MEDWAY is den 16den, voor Gravesend, afgebrand. Dezelve was in 1833 gebouwd en heeft 9000 p. st. gekost. Den 16den, ten half 1 ure, … bij de Londenbrug afgegaan, werd de brand niet voor vier ure ontdekt, toen het schip nagenoeg deszelfs bestemming had bereikt, de hoofd-machinist bespeurde … ketels was. Hij gaf daarvan dadelijk aan de kapitein kennis, die beval dat de werking zou ophouden, doch de machinist bevond het onmogelijk om tot de werktuigen door te dringen. De hitte werd alras zo zwaar, dat allen die zich op het schip bevonden, zich moesten overtuigen, dat hetzelve in brand stond; spoedig sloegen de vlammen uit alle gaten van de romp, en alle moeite die werd aangewend om dezelve meester te worden, was vruchteloos. Het geschreeuw van de zich aan boord bevindende vrouwen en kinderen was vervaarlijk, doch de kapitein wist de goede orde te doen bewaren, behalve dat hij niet kon beletten dat zich vele personen in zee wierpen. De visserslieden van de kust bragten alle mogelijke bijstand toe, hoewel vele boten werden uitgezet, waarmede het scheepsvolk zich redde; de kapitein verliet den bodem niet voor dat er geen levende ziel meer op was. Inmiddels worden verscheiden personen vermist. Het achtergedeelte van het schip is volslagen uitgebrand en de twee machines, elke van 40 paardenkracht zijn vernield.
(opm: tekst bij … door beschadiging onleesbaar)


26 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 25 augustus. In de afgelopen nacht is in de nabijheid van Scheveningen gestrand het smakschip de HOOP, gevoerd door kapt. J. Klaassens de Jonge, van Pekel-A, beladen met zink en hout, komende van Stettin (opm: Szczecin); het scheepsvolk is gelukkig gered en de goederen worden gelost.
(opm: zie PGC 050937)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. Den 23 dezer arriveerde te Helvoetsluis DIANA, R.H. Duit, van St. Petersburg en VRIENDSCHAP, J. Kwakkelstein, van Lissabon.
Den 24 dezer arriveerden ELISABETH, F. Fokkens, van Batavia; TWEE GEBROEDERS, G. Nagel, van Marennes; MARY, B. Smaal, van Aberdour (opm: 56º03’ N.B. 03º17’ O.L.); GOEDE HOOP, J. Oliver, van Cardiff; CAROLINA JOHANNA, D. Nieman, van Nerva en MARGARETHA CORNELIA, R.C. Hazewinkel, van St. Petersburg, en zeilde PETRUS LUDOVICUS, J. Wilkens, naar St. Petersburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. Den 24 dezer zeilden van Maassluis TWEE GEBROEDERS, K.H. Sprik en de VREEDE, R.W. Vos, naar Drammen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant ter zee Frank, van Vlissingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. Volgens brief van Havre, van den 20 dezer, was door kapt. Joultain, voerende het schip la GLANEUSE, van Bahia aldaar aangekomen, gerapporteerd, dat hij den 15 juni bij zijn vertrek van Bahia, aan de uitgang der baai, ontmoet heeft een Nederlands driemastschip van omstreeks 600 tonnen, vermoedelijk met troepen, hebbende zeer veel mensen aan boord en al de stengen verloren; het scheen te Bahia te willen binnen lopen, om de ogenschijnlijk aanzienlijke schade te repareren; doch men had door de grote afstand en de snelheid der vaart geen meerdere bijzonderheden kunnen ontwaren. (opm: zie AH 310837)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 augustus. Volgens brief van kapt. T.C. Claus, voerende het schip de ZEEMEEUW, van Amsterdam naar Batavia, in dato 25 april, was hij den 23 dito op het rif van de Menscheneter (opm: eilandje op de westpunt van het rif met dezelfde naam, enige mijlen uit de Javaanse kust westelijk van de rede van Batavia) aan de grond geraakt, doch zou waarschijnlijk, na een gedeelte der lading in praauwen gelost te hebben, nog die avond weder vlot worden; schip en lading waren overigens in de beste staat en hadden, zover men kon nagaan, niets geleden. (opm: zie RC 200737)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping, op woensdag 30 augustus 1837, voormiddags ten tien ure, aan de zuidzijde van de Haringvliet te Rotterdam, van een grote partij Tuigagie van het Rijnschip genaamd ANNA, bestaande in zeilen, blokken, touwwerk, kabels, ankers, ijzeren kettingen en grenen rondhout, hetwelk daags vóór de verkoping volgens inventaris te zien is.
J.J. Suerhoff, deurwaarder


28 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Dordrecht, 25 augustus. Gisteren is alhier op de werf van de scheepmaker Jan Schouten het achterwerk opgezet van een op die werf te bouwen koopvaardij-fregat genaamd de ADMIRAAL JAN EVERTSEN voor rekening van de heren M. Udink & Co. te Amsterdam.


29 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 27 augustus. Vanwege Z.K.H. de Admiraal en Kolonel-Generaal zijn, met voorkennis van Z.M. de Koning, bevelen gegeven, ten gevolge waarvan voor de zeegaten van Texel en Hellevoetsluis beschikbaar zijn gesteld en voortdurend, voor zoverre Zr. Ms. dienst zulks zal toelaten, zullen gestationeerd blijven, voor ieder dezer reden, één genoegzaam krachtige Rijks stoomboot, om te kunnen dienen tot het uit de havens en naar zee slepen van zelfs de grootste koopvaardijschepen, wanneer daartoe van wege de reders of de gezagvoerder de aanvraag aan de commanderende officier ter rede, of aan die van het stoomschip zelf, zal geschieden; en voor zoveel betreft de rede van Texel, wanneer de aldaar van wege het gewestelijk Bestuur onderhouden wordende sleep-stoomboot NOORD-HOLLAND daartoe niet voldoende te achten is. Verder is bekend gemaakt, dat voor deze dienst aan de rederijen geen andere kosten zullen worden in rekening gebragt, dan alleen die van de steenkolen en andere materialen, tot de stoomwerktuigen van het stoomschip voor elke dienstverrigting verbruikt; terwijl de bedoeling van Z.K.H. de Admiraal en Kolonel-Generaal is, dat er schikkingen zullen worden beraamd, strekkende om de handel van het betalen der loodsgelden voor het stoomschip zelf, zo veel mogelijk, te bevrijden; zo als ook in alle andere onkosten van het stoomschip door het Departement der Marine zal worden voorzien.
Eindelijk is bepaald dat tot dat einde te Hellevoetsluis gestationeerd zal worden Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, gecommandeerd door de kapitein-luitenant Van Franck, en ter rede van Texel, bij voorraad, Zr.Ms. stoomschip CURAÇAO, onder bevel van de luitenant ter zee der eerste klasse Coertzen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Het nabij Scheveningen gestrande smakschip de HOOP is in de nacht van zaterdag (opm: 26 augustus) aan stukken geslagen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Den 26 dezer zeilde van Helvoetsluis de DRIE GEBROEDERS, P. Admiraal, naar Marseille, en BANTAM, C. Schoewert, naar Batavia, en arriveerde JONGE EGBERTUS, J.B. Mulder, van Cardiff.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Den 26 dezer zeilde uit de Maas ‘S LANDS WELVAREN, W. Schep, naar Gibraltar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Den 26 dezer zeilde van Maassluis WILHELMINA, J.G. de Wale, naar … ; HERSTELLING, H.H. Potjer, en FLORA, O. Ugland naar Bergen; TWEE GEBROEDERS, H.H. Sprik, naar Drammen; CONCORDIA, A. Pieper, naar Stettin (opm: Szczecin), en de HOOP, J. Buteyn, naar Alnmouth (opm: 55º23’ N.B. 01º36’ W.L.). De wind Z.W. en N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Kapt. J.E. Strumphler, van Batavia in Texel binnen, rapporteert, dan den 4 juli met hem op de rede van St. Helena was de bark de MAAS, kapt. M. van Velthoven, van Batavia naar Rotterdam; als ook dat hij gepraaid heeft den 21 dito, op 13º58’ N.B. en 24º51’ W.L. het schip (opm: fregat) VASCO DA GAMA, kapt. J.H. Zeeman, van Rotterdam naar Batavia; aan beider boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Het schip (opm: smak) JOHANNA GEBINA, kapt. R.H. Nagel, van Amsterdam naar Nantes, is, volgens particulier bericht, den 15 dezer uit Texel naar zee gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Het schip (opm: fregat) HOLLAND, kapt. J.H.M. Struben, van Amsterdam naar Batavia, te Rio-Janeiro met schade binnen, zou, volgens brief van daar van den 26 juni, binnen vier of vijf dagen gereed zijn om de reis voort te zetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ALIDA, kapt. H.F. Deddes heeft op 19 augustus te Cardiff een aanvang gemaakt om een lading ijzer voor Rotterdam in te nemen.


  LC - Leeuwarder Courant

Duitsland. Dezer dagen is te Maagdenburg te water gelaten de eerste stoomboot voor de Elve-stoomboot maatschappij. Dit vaartuig is gebouwd onder de leiding van de ingenieur Tischbein, volgens de daartoe verstrekte plannen van de beroemden werktuig- en bouwkundige Roentgen te Rotterdam, welke door het bestuur der genoemde maatschappij geraadpleegd was over de wijze waarop de moeijelijkheden, die de ondiepten der Elve opleveren, te overwinnen zouden zijn. Deze zwarigheden zijn door genoemde heer geheel opgelost. De stoomboot gaat slechts 6½ rijnlandsche duimen diep en zal, wanneer dezelve geheel en al uitgerust zal wezen, nog geen 16 duimen diep gaan en alzo bij de laagste waterstand de rivier kunnen bevaren; dezelve is op de waterspiegel 125 voeten lang en 15 breed.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen. Binnengekomen: Den 20 augustus de galjasschepen CATHARINA, kapt. C. Niemann, van Riga en NORDSTIERN, kapt. H.O. Thorgensen, van Noorwegen, het kofschip de VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd, van St. Petersburg.
Den 21 dito de schoenerschepen FAME, kapt. S. Holeman en LIVELIJ, kapt. S. Finch, beide van Londen, het galjasschip die ZWAAN, kapt. J. C. Giese, van Stettin, het schoenerschip FRIENDS, kapt. J. Manning, van Londen.
Den 22 dito het galjasschip MINERVA, kapt. T. Niemann, van Riga.
Den 23 dito het schoenerschip HARMONIJ, kapt. N. Robin, van Londen, het kofschip HENDERIKA, kapt. W.J. Drewis, van Noorwegen.
Den 24 dito het schoenerschip NORTHAM, kapt. D. Charrosin, van Londen.
Den 25 dito de kofschepen WILLEM, kapt. H.W. Kiers en CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, beide van Noorwegen.
Uitgezeild: Den 20 augustus het tjalkschip de JONGE ALBERT, kapt. P.A. Ellens, op avontuur.
Den 21 dito de kofschepen JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veer, op avontuur en WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, naar Noorwegen.
Den 23 dito het kofschip GEZINA, kapt. J.F. de Boer en het smakschip ALIDA, kapt. J.H. Bandt, beide op avontuur.
Den 24 dito het smakschip SIKKOLINA HOOITES, kapt. G.T. de Jong, naar Hamburg.
Den 25 dito het kofschip VRIESLAND, kapt. T.W. Stuut, op avontuur, het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. J.A. Cappen, naar Noorwegen.
Den 26 dito de kofschepen GROOT LANKUM, kapt, J.O. Stuut, de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, alle drie naar Noorwegen en AKKE BOON, kapt. B.A. Potjer, naar Rusland.


30 augustus 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag de 28e augustus 1837: het welbezeild kofschip ARENT ELIZA, kapt. L.H. Drayer, NLG 8.100, in slag NLG 2.000. Koper J.H.A. Balwé. (opm: een makelaar in opdracht van H. van Schouwenburg, Harlingen; nieuwe scheepsnaam JONGE HENDRIK en kapitein B.H. Plukker)


  JC - Javasche Courant

Verslag van de geledene schipbreuk op de Lucipara’s met het stoomschip WILLEM DE EERSTE, commandant luitenant honorair J.K.D. Lammleth.
Van Soerabaija had ik de eer uwer excellentie kennis te geven, dat na mij aldaar nagenoeg een maand te hebben opgehouden, uithoofde het stoomschip enige herstellingen moest ondergaan, ik met mijn gezin, enige andere passagiers en een detachement troepen, de 26e april die plaats verlaten en naar mijne bestemming op reis begeven had.
Hoewel gedurig de wind, en somwijlen de stroom, tegen hebbende, ondanks menig oponthoud waartoe de machinisten verplicht waren, om kleine herstellingen aan het stoomwerktuig te bewerkstelligen, was onze reis gunstig, want in de morgen van de 5e mei, hadden wij het Burn- of Brandend-Eiland reeds in het zicht; dit was vrijdag, zo dat het niet onmogelijk was, wij de volgende dag ’s avonds te Amboina (opm: Ambon) hadden kunnen zijn.
De voorzienigheid beschikte hieromtrent anders, en wij moesten instede van dien, het ongeluk ondervinden, om in die nacht, nagenoeg te half twee ure, op gemelde koraalbank schipbreuk te lijden.
Door drie achtereenvolgende schokken, waardoor wij allen ontwaakten, werd ons die vreselijke ramp aangekondigd! Wij liepen een vaart van 5 à 6 mijlen. ’s Nachts om 12 uren had de commandant zijn bestek nog gemaakt en stuurde meer oostelijk dan hij de vorige dag gedaan had, menende dat hem de stromen veel westelijk hadden afgezet.
Het stoomschip zat vast. Een doodstilte heerste overal, doch alle hoop was niet verdwenen. Het gedruis der schepraderen, welke achteruit werkten, mengde zich met het verdovend gedruis der branding, welke wij van alle kanten rondom ons hoorden en flauwelijk zien konden.
Het achteruit werken der stoomboot en enige andere middelen, om weder vlot te geraken, werden te vergeefs aangewend; het stoomschip zat onbeweeglijk vast!
Met ongeduld verbeidden wij in deze kommervolle toestand de eerste lichtstralen van de volgende ochtend: de dag brak eindelijk aan en deed ons die toestand in alle deszelfs ijselijkheden kennen.
Wij zagen voor ons een uitgestrekte dorre koraalplaat, aan alle kanten door rotsen omgeven, waartegen de zee met geweld hare schuimende golven kwam breken.
Een zeer klein plekje verhief zich op die rots op ongeveer een kwartier uur afstands van ons, en scheen bij hoogwater droog te blijven. Ver in het verschiet tekende zich onduidelijk het geboomte van enige eilandjes.
De commandant van het stoomschip, gebukt onder de ramp, die hem zelf en ons allen trof, en diep geroerd van zulk een kostbaar vaartuig verloren te zien, scheen voor het beramen en uitvoeren van krachtdadige beschikkingen, zo als onze toestand dezelve vorderde, niet bekwaam; niet dat ik geloof, dat het elk ander zou hebben kunnen gelukken het stoomschip weder vlot te krijgen of te redden, maar de meesten der opvarenden uit militairen bestaande, die het op reis niet te best gehad hadden, kon onze positie elk ogenblik hachelijker worden en alle hoop op behoud en redding, hoe flauw die ook scheen, verloren gaan, zo niet onder de troepen en zeelieden, de strengste order gehandhaafd werd.
Ik verzekerde mij dat al mijn dranken en die van de kapitein behoorlijk onder slot waren. Elk ogenblik kon het stoomschip verbrijzeld worden. Het was nieuwe maan, en dus spring-tij: de branding werd hevig. Tegen zes uren kwam mijn vrouw en al de kinderen met de bonne (opm: kinderjuffrouw) op het dek; eerst met het aanbreken van de dag had ik haar met onze noodlottige toestand op de hoogte gebracht; zij was bedaard en gelaten. Om half zeven ging zij aan wal (indien een dor plekje op een grote koraalplaat aldus genoemd kan worden) met de bonne en de kinderen, benevens mevrouw Veekmans, haar twee kinderen en mevrouw Van Spreeuwenburg.
Met een gevoel dat niet te beschrijven is, volgde ik met mijne ogen de beweging dezer sloep; dezelve was weldra door het hevigste branding heen, maar bleef nu ook op het rif vastzitten en werd vreselijk heen en weder gestoten.
Onze vier kinderen werden gedragen, mijn vijf maanden zwangere echtgenote, door een matroos geleid en haar ogen op haar kinderen gevestigd, moest nagenoeg een half uur tot onder de armen in het water en over een scherpe koraalgrond gaan, alvorens een droog plekje te kunnen bereiken.
Het verlaten wrak van een inlands vaartuig was het enigst en bedroevend gezicht, dat haar geest trof; waren de ongelukkigen van dat vaartuig gered geworden, of hadden zij hier hun graf gevonden……..?
Met behulp van dat wrak en enig zeildoek werd een kleine tent of hut opgeslagen, om deze schipbreukelingen voor de warmte van de dag en de koelte van de nacht zo mogelijk te behoeden.
Na dat deze schipbreukelingen geland waren, gingen de predikant Veekmans, de heer Van Spreeuwenburg, met de officier van gezondheid Hollander en enige soldaten, met wat zeildoek, benevens een nog zeer jonge onder-officiers vrouw mede van boord.
Ik was aanvankelijk aan boord gebleven. Ik werd onderricht dat enige militairen en zeelieden tot muiterij wilden overgaan, omdat zij geen redding mogelijk achtten, en zich niet onderwerpen wilden aan de sobere uitdeling van water, rijst en spek, die ik onmiddellijk bevolen had.
Tot vreselijke middelen van geweld, waartoe ik vast besloten was, behoefde ik gelukkig niet over te gaan. Militairen en zeelieden verenigde ik rondom mij op het dek. Ik sprak hen enige woorden toe, vermaande hen ten ernstigste tot orde en gelatenheid, als wanneer redding mogelijk was, doch dat wij anders allen verloren waren. De kwalijk gezinden verwees ik tot de vrouwen en kinderen, die zonder water, zonder voedsel, zonder bescherming, op de koraalbank waren, en evenwel gelaten en vol hoop en vertrouwen bleven. Ik beloofde hen allen bekend te maken met de beschikkingen, die ik, ter onzer redding, zoude aanwenden en verzocht hen vertrouwen in mij te stellen. Een algemene kreet van goedkeuring was het antwoord hetwelk daarop volgde.
Ik spoedde mij van die goede stemming gebruik te maken, om mij met de teruggekeerde sloep naar de koraalplaat te begeven, en nam wat hard brood, gekookte rijst en drinkwater mede. De vloed, die intussen meer was doorgekomen, maakte mijn tocht derwaarts gevaarlijk, en zonder de arm van een sterk gespierde matroos, zou ik het droog puntje bezwaarlijk bereikt hebben. Ik bracht van mijn levensmiddelen weinig over.
Ik ontwaarde dat er twee plekjes droog bleven, en het mogelijk zijn konde, om daarop allen verenigd, en tegen de vloed veilig te zijn.
’s Namiddags keerde ik naar boord terug. Ter zelfder tijd kwam de tweede stuurman van een tocht terug, die hij naar de hiervoren bedoelde eilanden had trachten te doen, doch daar in niet had kunnen slagen, uithoofde van de zware branding, dewelke hij van ver tegen die eilanden had gezien.
Een moedig en ijverig officier, de 2e luitenant Rauws, met nog enige onderofficieren en soldaten, beproefde ’s nachts en de volgende morgen nog enige levensmiddelen aan de op het strand of op de koraalplaat zijnde schipbreukelingen aan te voeren. Een onderofficier, (de sergeant Vuurberg), zou daarbij het leven verloren hebben, zo de korporaal Vlieger hem niet gered hadde. Weinig of niets kon aangebracht worden; de flessen werden door de branding van de schouders der militairen weggeslagen.
Tweemaal vier-en-twintig uren moesten mijne vrouw en kinderen zich dus zeer behelpen; scherpe koraalstenen waren hunne legersteden, en enige krabben en zeeoesters bij het vuur geschroeid hun voedsel; overdag aan een brandende hitte, en somwijlen ’s nachts aan regen en wind blootgesteld. Later verkeerden wij allen nagenoeg in die toestand zeven-en-dertig dagen.
Zelden misschien waren schipbreukelingen in de toestand, waarin wij ons bevonden, en zelden misschien bleef hen zo weinig hoop, zo weinig mogelijkheid op redding over.
Elk ogenblik kon het stoomschip verbrijzeld worden, en derhalve de hoop op het aanvoeren van enige levensmiddelen verdwijnen; het kleine droge punt op die koraal bank was dor, en als met scherpe koraalstenen bevloerd; het bood geen de minste hulpmiddelen aan; enige schildpadden die men een paar dagen vond, verdwenen weldra; slechts een onzer twee sloepen was bruikbaar, maar kon weinig volk bevatten. De koraalplaat was allerwege door een vreselijke branding omgeven, en werd zeker door alle schepen met zorg vermeden.
Amboina kon met de variabele winden van de maand mei, volgens het gevoelen van de commandant, niet worden bereikt, en was 50 zeemijlen van ons verwijderd. Een Portugees etablissement was daarna het meest in onze nabijheid, en scheen door wind en stroom het meest genaakbaar te zijn.
Geen rampspoed kan evenwel het vertrouwen en de hoop op redding van de sterveling benemen, die met kinderlijke ootmoed, op de Almachtige blijft hopen. Een strenge handhaving der goede orde, daarbij een blindelings vertrouwen in een der deelgenoten van het ongeluk, en een bedaarde gelatenheid in alles, wat zijne beradenheid hem ter redding van allen doet in het werk stellen, maken een goede uitkomst mogelijk. Terwijl ik op middelen van redding bedacht was, werden intussen alle provisiën van onder uit het ruim naar boven, en vervolgens zoveel mogelijk in de kajuit der campagne bijeengebracht.
Zondag morgen waren wij overeengekomen om met de eerste stuurman, een sloep naar Amboina te zenden, ten einde aldaar onze toestand te doen kennen, en hulp en redding te verzoeken; dezelve vertrok. Nagenoeg de ganse dag zagen wij dezelve, onder sterke regen en windvlagen tegen hoge zeeën worstelen, zonder veel oostelijk te kunnen komen, hetgeen de commandant evenwel als een volstrekt vereiste beschouwde, om het oogmerk te bereiken; – laat in de middag moest dezelve aan boord terug keren.
’s Maandags werd voor het laatst nog een proeve met het stoomvaartuig gedaan, men meende dat hetzelve reeds onbruikbaar was; dit bleek echter niet zo te zijn; maar deze laatste poging om vlot te komen, was zonder enig goed gevolg. De zee was hoog en onstuimig, de branding sterk, de golven, die vreselijk hoog tegen het schip sloegen, drongen hetzelve zo mogelijk meer op de rotsen, terwijl de stoom in een tegenovergestelde zin werkte; men was verplicht te stoppen, om het vaartuig, dat reeds veel geleden had, niet geheel uit deszelfs verband gerukt te zien.
Ik liet onmiddellijk en met alle kracht de provisiën van achteren naar voren brengen, om dat wij vreesden dat het schip door midden breken zou; dit was tegen de avond.
Van nu af liet ik ook aanvang maken met het allengskens ontschepen der troepen en provisiën. Ik had stellig verboden, dat van mijne goederen, noch van wie het zij, iets van boord mocht gaan, daar hierdoor niet dan wanorde te voorzien was en geen provisiën op de rots zouden komen; deze operatie ging met onbeschrijfelijke moeite en met gevaren gepaard; ’s avonds laat of ’s nachts, nimmer overdag, was het water laag of althans laag genoeg om er zonder levensgevaar door te kunnen komen. Ik plaatste de militairen op 30 passen afstands van elkander, van het schip af tot nabij ons magazijntje, en liet op die wijze van de ene op de andere enig goed overdragen; al wat te zwaar was, ging verloren, doordien de meeste mensen tussen de rotsen struikelden, omsloegen en hun benen kwetsten.
Ik zelf ging gestadig door een man geleid, de rij op en af, om het volk moed in te spreken; meer dan een goed uur kon echter niet gewerkt worden, dan waren zij doodaf; – op die wijze hebben wij gedurende verscheidene nachten enige levensmiddelen aangevoerd, maar allengskens werd het moeilijker, omdat de mensen moedeloos werden, hunne schoenen meest al hadden verloren, en hunne benen erg gekwetst hadden. Zonder de moedige inspanning van de heer Van Spreeuwenburg, van de conducteur Derks, van de sergeant Visaan, van de fuselier Demarer en enige anderen, zouden wij aanvankelijk weinig levensmiddelen en water gekregen hebben; later waren ons de inlandse matrozen veel van dienst, deze waagden het soms, om nog bij dag, bij vallend water, al zwemmende een en ander aan te voeren, de militairen zond ik alsdan zo nabij de branding om het aangebrachte aan te nemen en verder te vervoeren.
Wij hebben opgemerkt dat het laag water overdag altoos 5 of 6 voeten ongeveer met het laag tij van de nacht verschilde; want wat zou het anders niet een geluk geweest zijn, indien wij bij dag enig goed van boord hadden kunnen halen, dit mocht ons nooit gelukken, dit moest altoos ’s avonds laat of bij nacht plaats hebben.
Op die wijze gelukte het mij een klein magazijntje te vormen; evenwel kwam er veel goed onbruikbaar aan, omdat het door zeewater gesleept had moeten worden; de voornaamste behoeften als: rijst, brood aardappelen, arak (opm: rijstbrandewijn) en genever, ontbraken ons, maar daarentegen hadden wij voornamelijk van mijn provisiën en van de particuliere provisiën van de kapitein, veel wijn, hammen, worst, bier, twee vaten meel, likeuren, boter, suiker, thee en diergelijken kunnen bijeenbrengen.
Het kostte mij veel moeite, om aan elk een te doen begrijpen, dat wij alles bij een, en tot gezamenlijk uitdeling houden moesten; liever zou elkeen zonder doorzicht voor zichzelf wat mede genomen hebben; de gevolgen daarvan zouden vreselijk geweest zijn.
Ik beproefde vertrouwen in de soldaat te stellen en een wacht van hen bij het magazijntje te laten; doch gebrek lijdende, resisteerden zij niet (opm: boden zij geen weerstand), en gingen zich in de drank te buiten; van dit ogenblik af hielden de passagiers ’s nachts wacht, om de twee uren losten zij elkander af; de predikant Veekmans geliefde wel de eerste wacht te betrekken; hij, aan wie natuurlijk alle militaire gestrengheid zeer vreemd moest wezen, onderwierp zich aan alles met gelatenheid en hij was mij steeds zo behulpzaam als zijn sukkelende gezondheid dit slechts toeliet; en van nu af werd ook een menagemeester aangesteld; deze was de conducteur Torreman, aan hem werd gegeven wat wij dagelijks uitdelen konden.
Zo lang wij het geluk hadden schildpadden te vinden, hetgeen slechts korte dagen duurde, hadden wij een tamelijk goede soep van half zoet en half zout water, later werd het eten ellendig; slechts ruim 10 à 12 pond rijst, mocht ik voor 140 monden uitdelen, met een ham of wat zout vlees, ongeveer 10 pond; jenever en arak was er nagenoeg niet, zo dat ik in den beginne weinig water hebbende, 2 à 3 maal daags, een teugje wijn als oorlam gaf, met een teugje water.
Het was zeer warm en ik had van de vroeger gevallen regen, water kunnen verzamelen, zo deelde ik water met wijn gemengd, of naar verkiezing der schipbreukelingen, drie maal daags water alleen, uit; elk een kwam volgens een naamlijst zijn oorlam drinken, vrouwen en kinderen daarvan niet uitgesloten. In den beginnen verzocht ik zelf mevrouw De Stuers mede present te zijn; zij kwam met de kinderen, die zich vrijmoedig tussen de militairen en zeelieden drongen – ons tweejarig dochtertje, gedragen op de arm van een soldaat, ontving, evenals alle anderen, wat drinkwater.
Dit een en ander was mogelijk de grond tot eerbied en ontzag voor de vrouwen, alsmede van regel en orde, waaraan ik het geluk had, alle schipbreukelingen te onderwerpen, daar bij gebreke van dien, het leven van niemand meer zeker was, en ofschoon het plekje koraalgrond der passagiers slechts 8 à 10 passen van dat der troepen verwijderd was, nimmer veroorloofde zich enige militair of matroos op ons plekje te komen, of hij meldde zich beleefd aan, als het was om het een of ander te verzoeken of om stukjes van afgerookte sigaret op te zoeken.
Na vruchteloos op de 7e mei te hebben beproefd een sloep naar Amboina te zenden, had ik sedert onophoudelijk met de commandant Lammleth overwogen, wat al het beste zoude kunnen aangewend, om onze toestand althans ergens te doen kennen, want gelukte ons zulks niet, konden wij ons voor verloren houden; immers, waar of wanneer zoude men op het denkbeeld hebben kunnen komen, dat wij schipbreuk geleden hadden, waar zou men ons gaan opzoeken! Wanneer zou men ons op dit ellendig, laag, nagenoeg ongenaakbaar punt ontdekken?
Horsburgh directorij (opm: Captain James Horsburgh, Brits hydrograaf bij de East India Company, auteur van een zeemansgids voor [thans] Indonesië), werd nogmaals met aandacht door mij ingezien, en wij besloten onze beste sloep (wij hadden er slechts twee; de andere was zwak) naar Delhi (opm: Dili, Timor) te zenden, want had dezelve het geluk aldaar aan te komen, het geen wind en stroom scheen te moeten begunstigen, konden wij hopen, door een der zuid-walvisvangers gered te worden, of dat van dààr door dezelfde sloep of een ingehuurd inlands vaartuig, onze positie op Bima (opm: op Soembawa) of op Java spoedig konde worden bekend gemaakt.
Het scheepsvolk en de militairen, die ik op het dek bij een liet komen, onze voornemens mededelende, en met de kaart in de hand de zaak beduidende, waren hiermede in hun schik en verzochten dat ik zelf zoude medegaan, zoveel vertrouwen stelde elk een in de goede uitslag van deze tocht.
Ik besloot de luitenant Rauws te zenden, omdat ik voor de goede orde op het rif meer nodig was, en mijn vrouw daar en boven vast besloten had mij niet alleen te zullen laten vertrekken.
Ten einde aan deze onderneming een zo veel mogelijk goede uitkomst te verzekeren, alzo het mij bekend was, dat op Delhi zonder geld niet veel te verrichten zoude zijn, stelde ik aan de passagiers voor, om de luitenant Rauws en de 1e stuurman Muller van geld te voorzien. Onmiddellijk droeg elk een het zijne daartoe bij. Ik aan goud NLG 300, aan bankpapier NLG 1.200, dominee Veekmans aan banknoten zilver NLG 750, de heer ingenieur Van der Dussen NLG 100 aan goud, de heer Van Spreeuwenburg aan banknoten zilver NLG 170, aan harde specie NLG 64; de officier van gezondheid 3e klasse Hollander NLG 125 aan bankpapier, en ook mevrouw De Stuers een snoer fijne paarlen en drie juwelen ringen. De kapitein Lammleth heeft mij gezegd ook nog enig geld te hebben medegegeven.
Aan de Portugese gezaghebber, schreef ik een Franse en Engelse brief, om hem onze toestand bekend te maken, en gaf hem te kennen dat, bij aldien de mede gegevene middelen niet toereikend mochten zijn, mijn gouvernement te Batavia zeer zeker ruimschoots de kosten vergoeden zoude, die ter onze redding aangewend mochten worden.
Een aller gunstigst weder vergezelde onze sloep, en de volgende dagen waren naar onze berekening ook nog gunstig genoeg, om te kunnen hopen, dat de sloep de 15 à 16 te Delhi zoude kunnen wezen. De ijver welke de luitenant Rauws en de 1e stuurman Muller voor die onderneming aan de dag legden is aller prijzenswaardigst; helaas! wij weten tot onze smart nog niet, welk lot aan deze sloep en de braven, welke daarmede zijn vertrokken ten deel is geworden. Hoe wisselvallig moesten niet deze eerste, ter onzer redding aangewende middelen beschouwd worden!
Niemand meer dan ik was daarvan overtuigd, hoezeer ik er niets van liet blijken, en ik was daarom op andere middelen bedacht. In de eerste plaats verzocht ik de commandant, kleine vlotjes te vervaardigen, daarop een soort van mast goed vast te maken, waaraan ik een stuk Nederlandse vlag had doen hechten en onder dezelve een goed dicht gekurkte fles had laten hangen, waarin een in het Maleis en Hollands geschreven briefje was besloten, onze toestand bekend makende, en aan inlandse met ons bevriende hoofden of zelfs aan rovers bijstand verzoekende of onze toestand te doen kennen aan het meest nabij zijnde Nederlandse etablissement, waarvoor een beloning werd toegezegd.
Toen eenmaal geen schildpadden meer gevangen werden, die ons gedurende enige dagen tot voedsel hadden gestrekt, was het volk neerslachtig: van de sobere en zo scherp toegediende uitdelingen uit mijn kleine voorraad, werd aan het levensonderhoud slechts ten halve voldaan; elk een was derhalve bedacht, om meer voedsel te zoeken; bij het vallen van het water ging dan ook al wat nog slechts schoenen of met touwen aaneen gebonden zolen aan de voeten had, om wat op te sporen. Allengskens werd dan ook een en ander aangebracht, en met zeewater en een weinig boter, die ik verstrekken konde, bereid: men vond grote zeeoesters, krabben, zwarte tripang (opm: zeekomkommer) en enkele keren wat zeepaling, die zich onder rotsklompen verscholen hield. De oesters werden het meest gevangen, en door de soldaten nog al met smaak gegeten, hoewel dezelve aanvankelijk diarrhé en bij anderen hevige kolieken veroorzaakten; velen hadden er een wezenlijke afkeer van; ik had getracht om er soep van te laten koken, maar de reuk was voor allen walgend.
Bij het opsporen van middelen tot onderhoud, is mij dikmaals gebleken, dat de soldaat die een inlandse vrouw bij zich had, er verreweg het beste aan toe was: wanneer deze zijn benen gekwetst of door hitte, ongemakken en ongenoegzaam voedsel afgemat en moedeloos op de harde koraalplaat nederliggende, de moed ontzonken was, om voor zich zelf te zorgen, ontzagen die arme vrouwen geen moeite, hoe groot, om aan de soldaat iets aan te brengen. Zij waren soms lang vóór dat een enig soldaat het nog wagen durfde bij maanlicht of vóór het aanbreken van de dag reeds tot aan de armen in het water met lange stokken, en kwamen nimmer terug zonder enige buit en zonder dan zelf nog enige verpozing te nemen, werd eerst het opgespoorde toebereid, en aan de soldaat toegediend, voor zich zelve altoos zeer weinig besparende; de natuurlijke sobrieteit (opm: matigheid) van de inlander maakte deze in ’t algemeen oneindig geschikter dan de Europeanen, om kommer, ellende en gebrek door te staan.
Ik had besloten dat onze nog overblijvende sloep tot een of ander einde moest gebruikt worden, want als reddingsmiddel was ons deszelve geheel onnodig, daar slechts 6 à 8 man er in konden zijn.
Met het aanbouwen van een platbooms vaartuig was ik sedert enige dagen bedacht: ik had daarmede verscheidene oogmerken: eerstelijk om de hoop op redding meer bij de schipbreukelingen te onderhouden, en hen alzo meer en meer aan de orde te onderwerpen en omdat ik daarin een middel vond om met spaarzaamheid voort te kunnen gaan in de uitdeling van levensmiddelen, want ik wierd herhaaldelijk aangezocht om wat meer uit te delen: mijn antwoord was dan altoos, wat wij met een vaartuig doen zouden, zo wij het gereed hebbende, er niet enige proviand in konden doen, waarmede genoegen genomen, althans genoegen genomen moest worden.
Na vele, hoewel niet gevaarlijke zieken te hebben gehad, verloren wij toch eerst de 14e mei een onzer schipbreukelingen, het was een inlands matroos, die in de eerste dagen veel geleden hebbende, door gebrek aan zoet water, later niet meer op zijn verhaal had kunnen komen: ik liet hem, ’s morgens heel vroeg, op een plank gebonden, met het vallend water naar zee drijven, want aarde was er niet, waarin men hem zoude hebben kunnen begraven.
Tot de 15e mei was het gelukt mijn paarden in leven te houden, hoewel nagenoeg geen voedsel en slechts zelden een weinig regenwater gehad hebbende. Het vlees werd smakelijk genuttigd, hoewel mager zijnde; een gedeelte werd ingezouten of tot dingding (opm: dendeng, d.w.z. gedroogd, gewoonlijk met kruiden toebereid, in dunne plakken gesneden vlees) gedroogd.
Aan de kleinste strohalm houdt zich de drenkeling, zegt men, vast, en overal meent de schipbreukeling redding en verlossing te ontwaren; zo was het ook met ons op de koraalklip gelegen. Eens op een schone namiddag toen geen enkel wolkje de lucht benevelde, meenden enige matrozen, geheel in de verte, een aantal prauwen te zien: de illusie was wezenlijk treffend. In het westen van onze koraalplaat verhieven zich zeer hoge en scherpe rotsklippen, die men bij ene niet heldere lucht nimmer makkelijk ontwaren konde; de zich daartegen brekende hoge golven, door de zon beschenen, hadden het voorkomen van sneeuw witte zeilen, zo dat wij allen wezenlijk dachten prauwen te zien; het was alleen de onbeweeglijkheid dier zogenaamde vaartuigen, die ons onze begoocheling eindelijk deed inzien.
De avond tevoren tegen 8 uren waren de schipbreukelingen eensklaps door een andere vertoning opgewekt geworden; van het wrak van het stoomschip, waarop enige matrozen de wacht hadden, ging een hoera op: wij vlogen allen onze hutten uit, om te weten wat dit betekende konde, want wij zagen niets.
Eerst ’s anderen daags konden wij te weten krijgen, dat men in de verte het licht van een vaartuig meende gezien te hebben, hetgeen van achteren (opm: achteraf) bleek niets anders te hebben kunnen zijn als enige sterren, die zich verplaatsende, lange tijd op dezelfde plaats in de lucht hadden blijven zweven.
De commandant Lammleth bleef geloven, dat het niet wel mogelijk zijn zoude met onze sloep, Amboina (opm: eiland Ambon), Boeroe opm: eiland Buru) of Amblaw (opm: waarschijnlijk Ceram) te bereiken. De militairen en zeelieden vroegen mij intussen dikwijls of wij de sloep niet derwaarts zenden konden of ergens anders; daarom had ik het plan gevormd, om dezelve over Bouton (opm: eiland Butung of de plaats Baubau), naar Bonthain (opm: Bantaeng) of Boeloecomba (opm: Bulukumba) te doen vertrekken, om langs die weg onze toestand te Makkasser (opm: Macassar, nu Ujung Pandang) te doen kennen; niet dat ik geloofde het mogelijk was, dat die tocht zo gemakkelijk ondernomen kon worden, of dat wij met deze moesson van daar zo spoedig, als onze toestand vorderde, enige hulp zouden kunnen verlangen, maar alleen om dus doende aan de wens der massa te voldoen en onze positie te Batavia bekend te doen zijn. Een oude zeebeschrijving van de Schout-bij-Nacht Stavorinus had mij in staat gesteld een volledige nota op te maken, om te worden mede gegeven, zo aan die tocht enig gevolg gegeven werd.
De 18e mei was het zeer hoog tij met volle maan: de wind woei fel, ik vreesde ons droog plekje onder water te zullen zien. Met de grootste bekommering observeerde ik de rijzing van het water; gelukkig kwam het zo hoog niet. Des nachts daarop zwaaide het schip geheel om, en ging dwars liggen; het had van dat ogenblik veel te lijden van de branding, korte dagen daarna brak het door midden, waardoor meestal mijne en de goederen van anderen in de golven verdwenen. Het was ons echter gelukt om nog vooraf een groot gedeelte greine planken aan wal te brengen, ten einde een aanvang te maken met de bouw van een vlot of zogenaamd platbooms vaartuig.
’s Namiddags liet mij de onder-machinist Mosselman, die reeds enige dagen ziek was en voor wie ik, uit hoofde van zijn uiterst, zo veel mogelijk oplettendheid heb gehad, verzoeken bij hem te komen. Hij verhaalde mij, dat hij enig geld bezat en verzocht mij hetzelve van hem in bewaring te willen nemen en daarmede te doen, zo als ik goed zoude vinden. Ik vroeg hem of hij in Nederland, of op Java, geen betrekkingen had nagelaten, in welke hij belang stelde. Hij zei mij, dat zijn vrouw woonachtig was te Amsterdam, en hij voor haar delegeerde.
Met moeite reikte hij mij een koker met papier geld en een zakje met harde munt toe; het laatste moest ik hem teruggeven, om dat ik niet wist, in geval wij al gered wierden, het mogelijk zoude zijn, iets dat gewicht had mede te kunnen nemen, hem tevens de toezegging gevende, dat ik mijn best doen zoude het bankpapier te redden, mij echter daarvoor niet verantwoordelijk kunnende stellen, in geval hetzelve door het zeewater mogelijk bedorven geraakte. Ik zag, in mijn hut terug gekeerd, de koker na, in tegenwoordigheid van de predikant Veekmans, en de gewezen secretaris Van Spreeuwenburg, en bevond daar in te zijn aan banknoten zilver NLG 375 en idem koper NLG 400. Onze dagen verliepen langzaam en in een zekere moedeloosheid, waaraan weinig te verhelpen was, daar onze toestand dit mede bracht.
Mijne vrouw bleef tamelijk gezond, hoewel er vervallen en vermoeid uit ziende; zij was zeer van de zon verbrand en leed veel. Ik bewonderde, onder dit alles, hare gelatenheid, zij was met alles tevreden, zij monterde somwijlen zelfs anderen op, en had de moed om nu en dan te schrijven en aantekeningen voor haren aanbeden vader te houden, wiens verjaardag toen nabij was. Ook onze kinderen bleven boven verwachting gezond; zij hadden geen schoenen meer aan de voeten, doch verwijderden zich bij laag water desalniettemin, soms verre van ons met hun drieën enige schelpen zoekende, op stukjes hout lopende, waaraan men de vorm van de voet gaf, die een der matrozen voor een sigaar of voor een dronk water of wijn vervaardigde. Onze levenswijze, evenals die der soldaten en matrozen had een geregelde, maar vreselijk eentonige gang.
Ik was bij alle uitdelingen tegenwoordig, hetzij die voor ons of voor de overige schipbreukelingen plaats hadden. Geen druppel water mocht buiten mijn toestemming verstrekt worden.
Ik proefde alle middagen de soep der menage, die soms tamelijk eetbaar was, maar mij dikwijls walgde, hetgeen ik niet liet blijken; de soldaten en matrozen gebruikten dezelve met smaak. Onze hut of verblijfplaats was zeer nauw, niet hoog, en gloeiend warm overdag; de lengte derzelve was slechts 4 Nederlandse ellen, de breedte twee en een half el, de hoogte een en een half el en daarin moesten wij met 13 slapen, overdag verenigden wij de overige passagiers, zo goed mogelijk binnen en buiten die hut. Er heerste te midden van dit alles zindelijkheid en orde. De jeugdige echtgenote van de heer Van Spreeuwenburg was ons van veel dienst. Te Batavia geboren wist zij zich in alles volkomen te schikken, en nam met alles genoegen; ook begreep zij onze toestand; zij ontzag zich niet, om uren lang bij een open vuur in de brandende zon te zitten, wanneer koffie of thee voor ons gemaakt werd, want het water was van aard reeds afschuwelijk genoeg van kleur en reuk, om de zorg te veronachtzamen, dat dezelve verder niet bedorven of de aan ons zo matig toegediende portie thee of koffie ontnomen werd door deze of gene inlander; want zij zouden zich niet ontzien hebben, om voor zogenaamd zoet water, wat zee water in de plaats te doen.
Hoe walgend somwijlen ons voedsel was, verwonderde ik mij hoe mijn vrouw en kinderen het konden eten en somwijlen zelfs enige dingen met smaak. Ten aanzien van deze dierbare betrekkingen en de overige passagiers in ‘t algemeen, moest ik nu even gelijk dit met de troepen en zeelieden reeds van den beginne af had plaats gehad, streng in de uitdelingen zijn; mijne kinderen moest ik soms, hoe smartelijk mij dit ook viel, een en ander ontzeggen, als zij hongerden naar een stukje zwarte, harde, muffe beschuit of iets anders; doch hoe gelukkig waren zij, als zij het bekwamen. Tevreden en genoeglijk verwijderden zij zich dan van mij; meermalen heb ik aldus voor hen en de soldaat, mijn boezem voor alle mededogenheid moeten sluiten, want ik had voor beginsel aangenomen, voor allen hetzelfde te zijn. Waagde ik, op een wat verheven rotsklomp enigszins afgezonderd gezeten, allerwege door zee omgeven, en door het verdovend gedruis van de branding tot weemoed gestemd, mijne kinderen gelukkig en zonder bekommering naar schelpen ziende zoeken; en mijne vrouw hare godsdienstige blikken in stilte ten hemel ziende wenden, waagde ik het dan eens mijne gedachten in de toekomst te vestigen, O! dan scheen mij voorwaar de minste hoop op redding verloren en wat moest het lot mijner vrouw in die positie op deze fatale dorre, naakte rots worden! Zonder het geringste wat in zulk een toestand vereist wordt, zonder geneesmiddelen, zonder een bekwame geneesheer, om haar als dan te kunnen bijstaan, zonder zelf een plekje droge grond om bij een onverhoopt ongeluk hare overblijfselen ter ruste te kunnen leggen.
Bij haar die zo zeer gelaten was en nimmer met de geringste klachten, met het geringste blijk van ontevredenheid, mijn reeds zo pijnlijke toestand kwam bezwaren, vond ik troost en opbeuring, want op mij had elk een zijn vertrouwen, en zijne hoop gevestigd. Op mij rustte alles. Dit vertrouwen vereerde mij zeer en maakte mij tot alle buitengewone inspanning in staat. Elk een deelde mij zijn gedachten mede, hoe zonderling die soms ook waren. Ik hoorde alles met geduld aan, en deed tot onze redding niets, dat niet algemeen bijval vond; zo werd dan ook nu, de sinds enige dagen naar de vijf ten oosten van ons gelegen eilandjes geprojecteerde onderzoekingsreis op de 22e mei ondernomen, waartoe zich de heer Van Spreeuwenburg, gewezen assistent-resident op Java, vrijwillig aanbood, alsmede ook de conducteur der artillerie Derks.
Ik hield hen voor, dat deze tocht, met een zwakke boot, die twee maal door de branding heen moest gaan, en bij de onbekendheid of deze eilanden al dan niet waren bewoond, en ons al dan niet vijandig waren, een gevaarlijke onderneming was; dan niets hield deze moedige mannen terug. Stuurman Kash stuurde de boot. Na 36 uur afwezens keerden onze reizigers tot ons aller innige vreugde terug, want wij waren ongerust, omdat wij meenden dat het mogelijk ware geweest spoediger terug te zijn. Op het gezicht van een paar klappernoten, enige groene bladeren en wilde bloemen, was mijn vrouw verrukt ; haar ogen hadden geleden door de zon, die op de koraalgrond scheen; met nu wat groens te betasten, en zich daarmee te bestrijken, voelde zij zich recht gelukkig.
Ik maakte de schipbreukelingen allen met de uitkomst bekend, om dat er ongelukkig tegen die tijd oneensgezindheid tussen zeelieden en militairen begon te bestaan, waaraan ik een einde meende te moeten maken, en waartoe mij de terugkomst van de sloep een geschikte gelegenheid aanbood, door goed te keuren, te belonen en mededeelzaam te zijn.
Wij hadden het geluk te ondervinden, dat daarna de eensgezindheid geen ogenblik meer gestoord werd.
Nu eenmaal de bezeildheid van onze kleine sloep bekend zijnde, meende de moedige stuurman Kash, dat daarmee alle tochten ondernomen konden worden; dit geraakte weldra onder militairen en zeelieden bekend, en het enige waarvan men een uitkomst hopen konde. “s Avonds ten 10 ure, toen ik mijn ronde maakte, vond ik enige onder-officieren met de stuurman Kash, de bootsman en de machinisten bijeen zitten, zij zeiden mij dat zij mij gaarne wensten te spreken, en vroegen mij, wat ik er over dacht, indien er zich mannen van moed opdeden om met deze sloep naar Amboina te zeilen.
Ik zeide hen, dat ik zulk een voorstel kordaat vond, maar hen verklaren moest, dat de commandant Lammleth mij herhaaldelijk te kennen had gegeven, zulk een expeditie niet dan met weinig hoop op een goede uitkomst geschieden konde, en ik alzo op mij alleen de verantwoordelijkheid van zulk een gewaagde onderneming niet durfde te laden.
’s Anderendaags werd mij dit verzoek weder algemeen gedaan, en ik besloot onmiddellijk aantekening te houden van al ’t geen plaats had gehad; liet de commandant Lammleth, de stuurman Kash en de bootsman bij mij komen en verenigde ook alle passagiers bij mij.
Wij hadden twee zeekaarten; de lengte en breedte op beiden van het vermoedelijke punt waar wij ons bevonden werd geconfronteerd, en op weinige minuten na accoord bevonden zijnde, ging ik daarvan af om te bewijzen dat de sloep meer door de stromen kon worden afgezet, dan de afstand van de Lucipara’s naar Amboina in zeemijlen bedroeg, om dan nog niet Boeroe mis te lopen, en dat wanneer wij slechts te Boeroe onze toestand konden doen bekend worden, er vermoedelijk van dáár gelegenheid naar Amboina zijn zoude.
Na enige oordeelkundige en andere min oordeelkundige aanmerkingen te hebben vernomen, werd tot de tocht besloten; buitendien zou ik verkeerd gehandeld hebben, daarin niet toe te geven en aan enige timide overwegingen gehoor te geven, om dat ik zelf niet de gene was, die iemand tot een gevaarlijke onderneming aanspoorde, maar de volvoering daarvan, mij als het ware geheel vrijwillig werd aangeboden, en het ten anderen, bij zeelieden en militairen een zeer verkeerde indruk zoude gemaakt hebben, door niet te doen wat zij allen wensten, te meer daar het niet op onuitvoerlijke gronden berustte, want ik meende gehoord te hebben, dat eens een Engelsman met een sloep van Amboina naar Soerabaija gezeild en geroeid en aldaar gelukkig aangekomen was.
Ik besloot dan om de tocht te doen ondernemen en liet de sloep zo goed mogelijk met repen koper voorzien, wat hoger maken voor de zeeën, en een klein tentje daarop aanbrengen, op dat des nachts de man, die niet aan het roer was, droog zou kunnen zijn, hetgeen ook noodzakelijk was voor de kleine uitrusting die ik mede gaf.
Om aan deze expeditie, in het belang onzer redding, alle mogelijke kansen van goede uitkomst te verzekeren, had ik de voorzorg gebruikt om zes in het Maleis en Hollands geschreven briefjes te vervaardigen, waarbij onze toestand werd bekend gesteld, en een geldelijke beloning toegezegd aan de genen, die onze positie het eerst aan een der Nederlandse gezaghebbers, waar dit ook was, zoude bekend maken; want het was veel waarschijnlijker, dat de sloep ergens op strand, dan wel op Amboina zelf konde terecht komen, en de matrozen alsdan mogelijk zouden verspreid worden en uiteen geraken. Van dit briefje voorzien, dat ik in lood en daarna geteerd linnen had ingepakt en aan een ieder der inlandse matrozen om de hals had gebonden, en door hen als djimat (opm: talisman, amulet) liet beschouwen, zou bij het verloren gaan van de sloep, mogelijk nog een of ander terecht komen.
De 26e ’s morgens ten 7 ure bij vallend water, stak de sloep af. De stuurman Kash was van een brief van mij aan de te Ambonia gezagvoerende ambtenaar voorzien. Onze wensen en onze blikken volgden lang dit bootje. Tot dusverre hadden wij N.O. of Z.O. wind gehad.
Eensklaps waaide dezelve uit het westen en bleef de gehele dag aanhouden, hetgeen wij als een bijzonder goed voorteken beschouwden; want hierdoor had de sloep gelegenheid veel oostwaarts op te halen. De volgende dag werd in het oosten van ons een vaartuig gezien. Een algemeen hoera verhief zich allerwege, en tranen van ontroering en van blijdschap werden door velen gestort. De commandant was de avond te voren nog eens naar het wrak gegaan om de aanvoering van hout voor ons vlot te bespoedigen, en kwam ademloos door de branding heen, ons onze redding aankondigen. Van ons plekje onderscheidde men allengskens meer en meer en eindelijk alle zeilen; van het wrak meende men de romp duidelijk te hebben kunnen zien en onderscheiden.
Met ongeduld verbeidde men het ogenblik dat het vaartuig ons meer zou naderen; maar tot innige smart en teleurstelling van allen, zag men het allengskens afhouden, om niet op de vijf kleine eilandjes te vervallen. ’s Avonds en ’s nachts liet ik een groot vuur onderhouden. Wij vleiden ons, ’s anderendaags het vaartuig weder te zien; dat het slechts bij avond afgehouden had, omdat de dag te ver verlopen was, om de gevaarlijke bank goed te hebben kunnen verkennen.
Het was nauwelijks dag of elkeen liet zijne blikken over de gezichteinder rondgaan, om het vaartuig weder te zien, maar het verscheen niet weder. De moedeloosheid en verslagenheid van allen was groot, en velen vreesden dat nu geen redding meer mogelijk was. Men moet in de positie zijn, waarin wij ons hebben bevonden, om te kunnen gevoelen wat het is, de hoop op redding zo nabij en verwezenlijkt, eensklaps geheel vernietigd te zien.
Tot de 7e juni daarvolgende viel bij ons niets bijzonders voor; alleen leed mijn echtgenote in die tussentijd vreselijk aan krampen; ik bracht de ganse nacht in de grootste ongerustheid door: Zij lag ellendig; wij hadden geen geneesmiddelen, zij smeekte om enige verzachting en verlichting, die men haar niet verlenen konde; – de volgende morgen waren de pijnen bedaard, maar zij was zeer afgemat.
Ik liet druk werken aan ons vlot of platboomd vaartuig; dagelijks was men met tien man daaraan bezig, waarvoor ’s avonds aan ieder man een buitengewoon oorlam wijn, een sigaar en gezamenlijk voor allen ¼ pond sago gegeven werd, waarvan wat soep met zee oesters werd gekookt, terwijl wij bij corvees overal op de koraalplaat rond gingen om stukken hout van het wrak die aangespoeld waren, op te zoeken, om vuur te maken, en er het ijzer van te gebruiken.
’s Namiddags ten 3 ure, mij met de heer Van Spreeuwenburg bij het werk bevindende, zagen wij eensklaps geheel onverwachts in het oosten een vaartuig, dat koers naar ons stelde en meer en meer naderde, wij erkenden duidelijk dat het een brik was. Een levendige vreugde kreet verhief zich allerwege, die evenwel nu en dan getemperd werd bij de herinnering aan de teleurstelling welke wij vroeger ondervonden hadden. Ik spoedde mij naar mijn vrouw en de overige passagiers om de plaats aan te wijzen, waar het vaartuig zichtbaar was; mijn vrouw was nog niet geheel hersteld, en ik geleidde haar over de moeilijke koraalplaat naar een punt, waar zij het vaartuig goed zien konde; zij vroeg mij herhaaldelijk of dit vaartuig ons zien zoude. Ik twijfelde zelf daaraan, totdat eensklaps een kanonschot, door nog twee anderen bij tussenpozingen van een paar minuten gevolgd, mij de vaste hoop gaven, dat dit een vaartuig was ter onzer redding, mogelijk wel ten gevolge van de gelukkige aankomst onzer sloep in Amboina afgezonden.
De richting die het bleef houden, de kanonschoten, die het nu en dan bleef doen, liet bij niemand de geringste twijfel meer over, of onze redding was nabij.
De matrozen en soldaten kwamen mij met die gebeurtenis geluk wensen; ik stemde in hun verzoek toe, om een goede uitdeling rijst en een dubbel ration wijn te verstrekken.
’s Avonds liet ik weder een groot vuur aanleggen, en de gehele nacht onderhouden. In ons bivak heerste ’s nachts de grootste stilte; het was alsof elkeen, een voorgevoel had, dat zich het vaartuig moest blijven aankondigen door kanonschoten; en wezenlijk om de twee uren werd elkeen hierin allergelukkigst bevestigd: soms waren de schoten wat dof, soms wat helderder, naar gelang van de verdere of kortere afstand van het vaartuig; men hoorde dan eens een kreet “een kanonschot”, en daarop heerste weder de grootste stilte.
De dag van de 8e was nog niet aangebroken of elkeen trachtte het vaartuig op de gezichteinder door rondgaande blikken weder op te zoeken. Wanneer ik het zeggen mag, zo bleef ik, hoe zeer ook bij mij de vaste overtuiging bestond, dat bedoeld vaartuig wezenlijk een ter onzer redding afgezonden vaartuig was, niet te min aan de mogelijkheid twijfelen, dat wij in onze hoop misschien andermaal teleurgesteld konden worden, om dat ik hetzelve bij de eerste aanblik niet waarnam; zo dringend voelde ik in mij de noodzakelijkheid, dat mijne vrouw en de overige schipbreukelingen spoedig gered wierden, dat ik toen ik daaraan niet meer twijfelen kon, mij nog niet verzekerd gevoelde, want nu moest ons het weder gunstig zijn, om niet in de branding met de sloepen om te komen en allen behoorlijk aan boord te kunnen geraken. Tegen acht uren, ’s morgens de 8e juni, was de oorlogs-brik duidelijk in het gezicht van onze klip, en zond een harer sloepen naar ons af. Ik spoedde mij om een man met een vlag tegen de branding te plaatsen, ten einde aan dezelve het minst gevaarlijke ontschepings-punt aan te wijzen; dit bleek weldra niet nodig te zijn, want tot onzer aller vreugde was stuurman Kash in de sloep, met een officier, zo dat ik dan ook niet twijfelde of de bedoelde brik was de NAUTILUS, die in Amboina gestationeerd is.
Wij ontvingen de luitenant Vieweg, eerste officier aan boord van gemelde oorlogsbrik, met een onbeschrijfelijke vreugde. Mijn vrouw drukte hem de hand, doch te zeer ontroerd was zij niet in staat een woord te spreken; mijn kinderen deden hem een menigte vragen. De luitenant Vieweg overhandigde mij een brief van de ambtenaar, die te Amboina het gezag voerde.
Ik vernam dat de stuurman Kash in de tijd van 5 dagen en 5 nachten het traject naar Amboina had afgelegd, en het geluk had gehad binnen de baai te komen, zonder nog te weten waar hij was.
Men kon niet begrijpen, hoe het hem had kunnen gelukken die tocht met zulk een schier ongelofelijke uitkomst te volbrengen.
De brief van de assistent resident Köhler onderrichtte mij, hoe zich alles ter onzer redding zo voorspoedig had toegedragen. Onmiddellijk nadat onze ramp bekend was, spoedde zich de luitenant Muller, commandant van de NAUTILUS, om zijn afgetuigd vaartuig weder in orde te brengen; dit geschiedde in de nacht onder een hevige stortregen; dan niets ontmoedigde deze wakkere zeeman, om door zijn officieren en zijn gewillige equipage ondersteund, deze taak te volbrengen. ’s Morgens van de 1e juli ging hij onder zeil, doch werd de 2e buiten de baai van zulk een hevige storm belopen, dat hij voorzichtigheidshalve binnen de baai terugkeerde, want zijn tuig was te oud en niet genoeg aangezet om iets van belang te kunnen wagen. De 3e weder onder zeil gegaan zijnde gelukt het hem, zo als wij gezien hebben, ons de 7e van zijn nabijheid te doen blijken.
De zee was te hoog, de branding te woest om de 8e te kunnen inschepen: Ik verzocht de luitenant Vieweg aan de commandant te zeggen, dat zo het de volgende morgen naar zijn begrip goed weder was, om ons te redden, een kanonschot het signaal zoude zijn, en dat ik zorgen zou dat de inscheping met orde zoude plaats hebben.
Ik verzamelde al de schipbreukelingen, deelde hun mede, dat wij de volgende morgen mogelijk zouden gered worden, dat bij het inschepen de meeste orde moest heersen, daar anders vele ongelukken te wachten waren.
Ik had honderd en in de veertig nummers van papier vervaardigd, en liet ieder trekken, tevens aan allen te kennen gevende, dat elkeen volgens zijn nummer zou opkomen, en dus de laagste nummers het eerst aan de beurt waren, dat het aan ieder persoon, man of vrouw, geoorloofd was, om een pakje goed ter grootte van een ransel mede te nemen, zonder meer. ’s Namiddags kwam ook het particulier schip de ERICH opzetten, dat almede bij gebrek van een ander oorlogsvaartuig ter onzer redding was ingehuurd. Deze maatregel was aller doelmatigst, want anders zouden wij mogelijk na verloop van verscheidene dagen eerst allen gered hebben kunnen zijn, alzo niet veel mensen tegelijk in de schepen konde opgenomen worden.
Aan boord van de ERICH bevond zich de magistraat en fiscaal van Amboina, de heer De Riemer, die verzocht had mede te gaan, ten einde zo mogelijk ons behulpzaam te zijn.
Maar te midden der blijdschap, welke elkeen bezielde, had een bedroevend voorval plaats. De machinist Mosselman, waarvan ik hiervoren gesproken heb, was de 8e overleden; hij werd op een stuk plank, in linnen genaaid gelegd en op enige honderden passen onder de wind aan de golven ten prooi gegeven. Deze man had veel geleden, maar gebrek aan alles hebbende, was zijn behoud onmogelijk. Tot welke weemoedige aanmerkingen, gaf deze omstandigheid, op zulk een ogenblik, en op zulk een plaats niet aanleiding!
’s Morgens ten 7 ure van de 9e juni werd, onder tamelijk gunstig weder, het seinschot van de NAUTILUS gedaan, waarop de sloepen van boord staken, in de ene bevond zich de luitenant Vieweg, in de andere de luitenant der marine Motta; de ERICH zond mede haar sloepen af.
De dames met de kinderen en de overige passagiers, liet ik het allereerst inschepen. Ik vroeg enige mensen om mijn vrouw en mijn kinderen te dragen; allen gezamenlijk zo militairen als zeelieden boden zich daartoe onmiddellijk aan. Ik gaf de voorkeur aan vier matrozen, om mijn vrouw op een stoel te dragen; zij had veel geleden, maar spande nu buitengewoon veel kracht in, om aan nieuwe gevaren het hoofd te bieden en over haar kinderen te waken. Deze zag zij vooraf gaan, en volgde toen zelf gerust.
Aan ons drank- en vivres (opm: levensmiddelen) magazijntje had ik enige zeer ordelijke militairen geplaatst, om, terwijl ik mij naar de branding begaf om de eerste inscheping te bewerkstelligen, niemand zich zoude kunnen te buiten gaan in de drank. Ik volgde mijn vrouw en kinderen; zij kwamen gelukkig aan boord; de branding was hevig, onze bonne slechts weinige minuten later komende, kwam reeds te laat om met de eerste bezending sloepen te kunnen vertrekken, want door te lang in de branding te blijven sloegen de sloepen om of geraakten vol water. Met groot gevaar om te zinken kwam de sloep, waarin mijn vrouw en kinderen, en enige andere passagiers waren, aan boord; er was door de moeilijke zee en branding meer water in de sloep gekomen dan er uit geschept kon worden.
Het aan boord komen was gevaarlijk. Speciaal voor mijn vrouw in haar toestand. Zij verliet de sloep niet, dan toen zij haar kinderen overgebracht zag; nu volgde zij ook, kwam gelukkig op het dek, maar viel daar, van aandoening en vermoeienis, bewusteloos en afgemat neder. Door de hartelijke zorg en oplettendheid van de commandant Muller en zijn officier van gezondheid Van der Hoeve kwam zij weder bij, maar ongerust over mij, hoewel ik haar gewaarschuwd had, dat ik de laatste op het rif zou blijven, ten einde de inscheping van alle schipbreukelingen te besturen, en vooral voor de zieken te doen zorgen, want elkeen had zo veel met zich zelf te doen om aan boord van de sloepen te komen, dat men aan anderen weinig dacht en zelf gevoelloos was voor het gevaar, waarin anderen verkeerden; want zonder de herhaalde edele inspanningen van de commandant van de stoomboot Lammleth, die steeds trouw aan mijn zijde verbleef, en het geen ik het geluk had daartoe mede zelf bij te dragen, zouden zeker enige zieken en anderen het leven verloren hebben, want het waren de laatste 15 à 20 schreden, die het gevaarlijkst waren. Had men het geluk om in de tussenpozingen van een paar minuten, die er verliepen, alvorens de vreselijke golven zich met geweld tegen de rotsen opvolgden en kwamen breken, dien korten afstand te maken, en de sloep te bereiken, er in te springen of zich vast te houden, om tegen de kracht der golven wederstand te bieden, men konde zich als dan grotendeels gered rekenen; maar had men de sloep niet bereikt, zo sloeg men omver of men werd door het zeewater overdekt, en nauwelijks tot verhaal gekomen zijnde, kwam golfslag op golfslag de ongelukkigen teisteren, die geen hulp hebbende eindelijk zoude hebben moeten bezwijken.
Ik vond onze bonne en meer anderen, die in die toestand verkeerd hadden en de eerste sloepen niet hadden kunnen bereiken zich echter bij tijds achteruit begeven hadden, waar de golfslag minder gevoelig was, en dààr de terugkomst der sloepen afwachtende.
De gehele dag voeren de sloepen heen en weder, telkens een aantal schipbreukelingen medenemende. In het midden van de dag bij hoog water moest die operatie evenwel gestaakt worden, om dat de branding toen zo hevig was, dat de sloepen omsloegen en niet buiten de branding te brengen waren.
De zee met het vallend water enigszins bedaarder zijnde, werd alles ingespannen om met alle de aan het strand zijnde sloepen van de twee vaartuigen de laatste schipbreukelingen over te varen; dat getal bedroeg nog 40. Ik verdeelde dezelve nauwkeurig met de luitenant der marine Vieweg en liet dezelve naar de verschillende standpunten der sloepen gaan; dit alles liep gelukkig geregeld af, hoewel zich daarbij verscheidene zieken en vrouwen bevonden, die herhaaldelijk beproefd hadden om aan boord van de sloepen te komen, doch telkens om de hierboven vermelde redenen, hadden moeten terug keren.
Wij verloren slechts een man, zijnde een Javaanse matroos. Nu was het 5 uren ’s avonds de 9 juni. De brik had de ganse dag met talent gemanoeuvreerd, om het aan boord brengen der schipbreukelingen te begunstigen; zij had er ruim 100 aan boord; de ERICH een veertigtal. Op het rif bevond ik mij toen nog met de heer Van der Dussen, die mij niet had willen verlaten, benevens de commandant Lammleth, de sergeant-majoor Schwab en twee matrozen; de laatste sloep van de NAUTILUS zou terugkeren, om ons te halen maar wind, zee en branding verhieven zich zo sterk dat de vaartuigen moesten afhouden.
Ook de volgende dag, de 10e juni, was er om even vermelde redenen nòg geen mogelijkheid om een sloep uit te zetten; die van de NAUTILUS hadden buitendien te veel op de branding geleden, om nu anders dan bij stille zee gebruikt te kunnen worden.
Eerst de 11e juni, hoewel de zee nog zeer onstuimig en hoog was, een eigenschap van de Bandasche zee, waarin wij waren, en dus ook een hoge branding, werd echter onze redding beproefd. Door toedoen van de magistraat De Riemer waagde het de 2e stuurman van de ERICH met een sterke sloep naar ons toe te komen. De golven waren zo hoog in vergelijking met het lage punt, waar wij ons bevonden, dat ’s morgens tegen 8 uren de sloep met een zware brandingsgolf opgenomen, eensklaps aan strand of op het rif geworpen werd. Er was niet veel tijd te verliezen, want het water was wassend. Ik vroeg hem of hij zou durven ondernemen om ons naar de brik te brengen; hij beloofde het, zo zijn Javaanse roeiers kracht genoeg hadden, om de sloep door de branding te roeien: zij waren 8 man. Ik zeide hen enige geldelijke beloning toe, zo zij mij aan boord van de NAUTILUS brachten. Zij spanden alle hunne krachten in, en hoewel het aan boord hoogst moeilijk was, werd mij en mijn bij mij zijnde lotgenoten dit gemakkelijk gemaakt door het goed manoeuvreren van de brik. Men geliefde mij met een levendige en herhaalde hoera aan boord te verwelkomen.
Wij waren nu allen gered, maar wij hadden meest allen veel geleden. Mijn echtgenote vooral veel, zeer veel, en hoewel allen verenigd, zag ik voor haar de toekomst niet zonder bekommering tegemoet. Het mij toekomend salut werd gedaan; de commandant vroeg mijn bevelen. Ik aarzelde geen ogenblik om koers naar Amboina te doen nemen.
Had ik al een ogenblik het voornemen gehad bij de toestand van mijn echtgenote en na het totaal verlies van al onze goederen en provisiën vooreerst weder naar Batavia terug te keren, andere redenen noopten mij, welke ook onze positie was, mij naar mijn bestemmings plaats onmiddellijk te begeven. Wij genoten gedurende de overtocht de hartelijkste zorg en oplettendheid aan boord; maar honderd zielen meer op een brik, die al niet zeer groot is, maakte dat wij opgepropt waren en mijn vrouw op die korte overtocht weder veel te lijden had.
De deelneming waarmede ons alle ingezetenen van alle standen en rangen te Amboina de 12e juni ontvingen, is niet te beschrijven, want Amboina was in de verslagenheid wegens de ramp die ons getroffen had
Onze kinderen werden met aandoening beschouwd, omhelsd en naar de rijtuigen geleid. Wij namen onze intrek bij de assistent-resident Köhler. Deze hartelijke man en deszelfs echtgenote deden al wat mogelijk was om het geleden leed te verzachten
De 14e des morgens aanvaardde ik het gezag. Naar ziel en lichaam had ik veel geleden. Ik was bij die plechtigheid geroerd en werd het nog meer, toen een der aanwezigen, zijnde een onzer lotgenoten, de gewezen assistent-resident, de heer Van Spreeuwenburg, in diepe ontroering naar mij toesnelde, en mij omhelzende, tranen van innige aandoening stortte.
De volgende dag aanvaardde ik mede het militair bevel in de Molukkos.
Zeker zullen mij van de vreselijke ramp waarvan ik de bijzonderheden heb trachten te beschrijven, lange jaren de herinneringen bijblijven, maar mogen dezelve door bijkomende omstandigheden op gene grievende wijze nader worden opgewekt!
Een aangename voldoening blijft mij intussen overig dat ik namelijk mijn pogingen tot behoud van allen aangewend, met zulke gelukkige uitkomsten heb mogen bekroond zien, daar wij bij het schipbreuk lijden en bij de weder zo gevaarlijke inscheping, niemand dan een enkele man te betreuren hebben gehad. Zeelieden en militairen geliefden mij een blijk van erkentenis daarvoor aan te bieden. Uwe excellentie veroorlove mij hetzelve hierbij kopielijk over te leggen; voor mij zal zulk een geschrift tot een duurzaam en vererend aandenken strekken.
Had ik niet in afzonderlijke rapporten de vrijheid reeds genomen uwe excellentie de namen te doen kennen van al dezulken, die in de moeilijke omstandigheden, waarin wij ons bevonden hebben, nuttig zijn geweest, en goede diensten hebben bewezen, ik zoude het mij nu tot een plicht rekenen, zulks bij deze te doen; maar aan deze mijne verplichting heb ik reeds voldaan.
Ik heb bij het sluiten van dit verhaal alleen nog uwe excellentie om eerbiedige verschoning te vragen zo ik mogelijk in te veel bijzonderheden getreden ben, en haar aandacht alzo te lang heb bezig gehouden; dan uwe excellentie heeft mij altoos te veel blijken van welwillendheid gegeven en heeft gewis te veel deel genomen in het wedervaren van ruim 140 schipbreukelingen om niet te wensen met ledige bijzonderheden ten hunnen aanzien te worden bekend gemaakt.
De Stuers, luitenant-kolonel
(opm: zie ook RC 171037, 181137, 251137, 091237 en 211237, ZZC 090138 en LC 060738).


  JC - Javasche Courant

Van Soerabaija hebben wij heden het bericht ontvangen, dat aan boord van het Nederlands koopvaardijschip DILIGENCE, kapt. Bos (opm: fregat, bouwjaar 1832, kapt. Hendrik Bos), op de 23e dezer ter rede van Passaroeang een geweldige brand ontstaan is. Alle pogingen tot blussing zijn vruchteloos geweest en ’s namiddags te 4 ure is het schp door het kruit gesprongen en gezonken. De equipage is gelukkiglijk gered, doch heeft alles verloren. Deze aan de geachte kapt. Bos overkomen ramp verwekt alhier een algemene deelneming. De DILIGENCE lag in lading en had bereids een aanzienlijke hoeveelheid koffie en suiker aan boord.


31 augustus 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Den 29 dezer zeilden van Helvoetsluis AGENORIA, W. van der Kolff, naar Suriname; JANTINA ENGELINA, H.T. de Jonge, naar Liverpool; AGATHA, D.G. Schuur, naar ….; GOEDE MOEDER, P. Soeberg, en FRIDERIKE, J.H. Croger, naar Drammen. Nog zeilden naar zee ZUIDHOLLAND, J.C. Jansen, naar Batavia, en HENRIETTE, J.C. Willems, naar Suriname. De wind O.
Den 30 arriveerde NIJVERHEID, P.H. Puister, van Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Den 29 dezer zeilden uit de Maas ALIDA KLASINA, K.E. Tiktak, naar Noorwegen, en ELIZABETH, H.H. Pot, naar Elseneur (opm: Helsingör).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. Den 29 dezer zeilden van Maassluis VROUW IKINA, G.J. Postema, naar Bergen, CONCORDIA, A. Pieper, naar Stettin (opm: Szczecin), en HOOP EN VERWACHTING, K.K. de Boer naar Moldon (opm: Maldon).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 augustus. De lading van het schip SOPHIA WILHELMINA, kapt. B. Hoharst, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam, te Elseneur (opm: Helsingör) binnen (opm: zie RC 211037), werd, volgens brief van daar van den 20 dezer, overgeladen in het schip (opm: smak) WILLEM OLIVIER, kapt. G.J. Korter. (opm: de Pruisische kof SOPHIA WILHELMINA werd op 20 oktober in Elseneur verkocht)


  AH - Algemeen Handelsblad

Middelburg, 28 augustus. De 15e juni is het schip de ZEEUW, kapt. J.J. ter Hofsteede, van deze stad naar Batavia, met schade aan tuig te Bahia binnengelopen.
(opm: zie AH 160837 en AH 260837)


01 september 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop de gerechte helft van het Veer en Schip, varende van Sneek naar Franeker, vice versa. Te bevragen bij J.H. van Dijk, op de Pol te Sneek. Brieven franco.


02 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 30 augustus. De koning en koningin van België zijn eergisteren namiddag, aan boord ener gouvernements-stoomboot, van Ostende te Ramsgate aangekomen, waar zij onder anderen door de hertog van Wellington en de Belgische gezant Van de Weyer verwelkomd werden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Den 31 passato (opm: verleden [maand]) arriveerde te Helvoetsluis MARTINA JOHANNA (opm: kof), R.J. van Driesten, van Archangel.
Volgens rapport van de zeeloodsen is voor de wal, met loodsen aan boord, het schip INDIA, kapt. P. Vis, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Den 31 passato (opm: verleden [maand]) arriveerde in de Maas de HOOP (opm: tjalk), A.L. de Vries, van Rouaan.
Den 31 zeilde AEOLUS, K. Evers naar Wismar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Den 31 passato (opm: verleden [maand]) zeilde van Maassluis ALGEMEEN BELANG, J. Warnaar, naar de Noord Zee. De wind W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Het schip ELIZABETH CATARINA, kapt. A. Neuman, van Drammen naar Amsterdam, is volgens particulier bericht voor enige dagen in Texel binnengekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Het schip STANT FRIESZ (opm: STANFRIES), kapt. F. Feykes, van Archangel naar Amsterdam, is, volgens particlier bericht, den 26 augustus in Terschelling binnengekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. De vishoeker DE VISSCHERIJ EN HANDEL, stuurman (opm: schipper) Den Draak, van Vlaardingen op de grote visserij uitgevaren, is den 18 augustus wegens lekkagie te Lerwick binnengelopen, doch heeft den 20 dito de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 1 september. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 29 augustus:
Gepraaid ONDERNEMING (opm: bark), H.J. Klein, van New-York naar Batavia, den 26 juli, op 8º N.B. 42º W.L, en WALCHEREN (opm: fregat), J.J. Bart, van New-York naar Batavia, den 11 dezer, op 33º N.B. 37º W.L.


05 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 3 september. Z.M. heeft het departement voor de marine gemagtigd om aan de meestbiedenden te verkopen de voor ‘s Rijks dienst niet meer geschikt gekeurde corvet PALLAS.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Zaterdag (opm: 2 september) is van de werf der Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij, gelegen te Fijenoord, tegen over Rotterdam, met het beste succes te water gebragt een door die Maatschappij voor haar eigen rekening geheel van ijzer gebouwde stoomboot, lang 69 el, breed 9 el 41 duim, welke stoomboot zal worden voorzien met de reeds daarvoor gereed zijnde stoomwerktuigen, te zamen van ruim vier honderd paardenkracht, mede geheel in de fabrijk van de Nederlandsche Stoomboot-Maatschappij vervaardigd. Dit is reeds het derde ijzeren stoomvaartuig hetwelk aldaar is gemaakt. (opm: kan dit de BATAVIA zijn, later aan de Koninklijke Marine verkocht om te dienen tot overbrenging van de mail van Singapore naar Batavia? Zie kroniek 1847)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Z.K.H. de Prins Admiraal en Kolonel-Generaal heeft De Helder met een bezoek vereerd, het aldaar ter rede liggende exercitie-smaldeel en de kanonneerboten in ogenschouw genomen; de nieuwe werken in de forten Erfprins en Kijkduin, Zr.Ms. wachtschip KENAU HASSELAAR, en het marine etablissement Willemsoord bezocht, en vervolgens met de onderscheiden Autoriteiten het middagmaal gebruikt, waarna Z.K.H. weder naar ’s Gravenhage is teruggekeerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. In de Javasche couranten tot den 6 mei vindt men de volgende berichten:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, Nederlandse schepen GENERAAL CHASSÉ, FATAL HAIR, de ZEEMEEUW, BATAVIA, CHERIBON PACKET, JOHANNA EN SUSANNA, TWEE CORNELISSEN, OEY SINGO, brIkken INDRAMAYOE, CHARLOTTA en JOEDEL KARIM, barken NEDERLANDER, PERLE, SUMATRA en ADELAAR, schoeners INGSOEN, CALYPSO, THE INGMAN, JOEDOOL RACHMAN, en VIRGO, Amerikaanse schip BROTHERS, Engelse schepen EDEN, ANN LOKERBY, SAINT VINCENT en MARY AND JANE, brik SCOTEA, Portugees schip ST. FRANCISCO DE PAULA, brik BRITHANTE, Frans schip JEAN HENRY, bark l’ALEIDE, Chinese jonken JIETHIENG, KIM INGHING, LIM SOENSING en Cochin-China schip THIOY LONG.
Van Batavia zijn gezeild de Amerikaanse schepen VIRGINIA en ROME naar Nederland, de Nederlandse schepen ANNA CATHARINA naar Samarang en CLAUDIUS CIVILIS naar Soerabaya.
Te Samarang zijn gearriveerd de Nederlandse schepen FLEVO en NEDERLANDEN van Batavia.
Den 26 april lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. fregat DIANA, corvetten ZWALUW en CASTOR, stoomschip HEKLA, brik SIWA, schoeners JANUS, CASTOR en KROKODIL, kanonneerboten nr. 14 en 15, Nederlandse schepen SINGAPOERA, GRACE, MEDORA, CHARLOTTA en JULIA, brikken de HOOP, PESISIER BORNEO, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken HERMINA, SUSANNA DOROTHEA en FATAL BARIE, schoeners DIANA, LAJU, IRIS, CAROLINA en REFECTIE, Engelse bark FALCON en Amerikaans schip LONDON.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Den 1 dezer arriveerde te Helvoetsluis Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant Frank, van Texel.
Den 2 dezer arriveerden CONCORDIA, F.H. Eddes, van Liverpool, INDIA, P. Vis, en JONGE JAN, P. van Vliet, van Batavia, de laatste laatst van Rio-Janeiro, en HERSTELLING, H.A. Karsijns, van Tremblade.
Den 3 dezer arriveerde Zr.Ms. corvet HIPPOMENES, kapitein-luitenant Mol, en Zr.Ms. brik PEGASUS, kapitein-luitenant Boelen, van Texel ONRUST, P.R. Huisman, van Riga, JONGE JAN, T.B. Teunissen, en DORA, J.B. Krohn, van Archangel; HOLLANDER, H.W. Killey, van Boston.
Den 4 zeilden INDUSTRIE, A. Samme, naar Hamburg, GEZIENA, K.K. Wijkmeyer, naar Drammen, de JONGE MARGARETHA, J.K. Wijkmeyer, naar Arendsburg (opm: Kuressaare).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Den 4 dezer zeilde van Maassluis WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Kapt. P. Vis, te Helvoetsluis binnen, rapporteert, onder anderen, gepraaid te hebben, den 10 mei in Straat Sunda, het schip MAASSTROOM, P.S. Schuil, van Rotterdam naar Batavia, aan boord alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. transportschip DORDRECHT, kapitein-luitenant ter zee Koops, van Curaçao.
Uitgezeild zijn Zr.Ms. corvet HIPPOMENES, kapitein-luitenant ter zee Moll, Zr.Ms. brik PEGASUS, kapitein-luitenant Boelen, en Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant Van Frank, alle drie naar Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 september. Kapt. B.R. van Wijk, van New-York te Amsterdam gearriveerd, heeft den 19 augustus, op 49º34’ N.B. 8º W.L, in goede staat gepraaid de Bremer brik MAGDALENA, kapt. F.W. Brewer, met landverhuizers van Bremen naar Baltimore.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De smak de HOOP, kapt. J.K. de Jonge, van Stettin (opm: Szczecin) naar Rouen, bij Scheveningen gestrand (opm: zie RC 260837), is in de nacht tussen 26 en 27 augustus geheel verbrijzeld.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip INDIA, kapt. P. Vis, op 10 mei van Batavia naar Rotterdam vertrokken, laatst van Kaap de Goede Hoop en St. Helena, was 27 augustus op de hoogte van Penzance. Kapt. Vis rapporteert op 10 mei in Straat Sunda gepraaid te hebben het schip NEERLANDS KONING, kapt. M. Schaap, van Rotterdam naar Batavia, op 26 juli op 8º N.B. en 23º W.L. het schip de ONDERNEMING, kapt. H.J. Klein, van New York naar Batavia en op 11 augustus op 23º N.B. 37º W.L. het schip WALCHEREN, kapt. J.J. Bart, ook van New York naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) MERCUUR, kapt. W. Arkema, heeft op 26 augustus te Cardiff een aanvang gemaakt om een lading ijzer voor Rotterdam in te nemen.


 GRC - Groninger Courant

Te Dantzig, 22 augustus, de VREDE, J.J. Greeven van Purmerend.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Harlingen binnengekomen: den 28 augustus het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot en het barkschip SOPHIA, kapt. P.J. Arbo, beide van Noorwegen.
Den 29 dito het schoenerschip ORWELL, kapt. J. Hall, van Londen; de kofschepen VRIENDSCHAP, kapt. J.J. Klazen, van Noorwegen, en de VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, van Sunderland.
Den 30 dito het kofschip IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, van Noorwegen.
Den 31 dito het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, van Newcastle.
Den 2 september het schoenerschip FLORA, kapt. J. Manning, van Londen.
Van Harlingen uitgezeild: den 28 augustus de schoenerschepen HOPE, kapt. W. Cobeins, HERO, kapt. W.S. Howard, en LIVELY, kapt. H.S. Finch, alle drie naar Londen; het kofschip JUINGSE (opm: slecht leesbaar) CAROLINA MARTENS, kapt. C. Kleesch, naar Tonningen (opm: Tönning).
Den 29 dito de kofschepen AUGUSTA CATHINCA, kapt. L.J. Dreijer, EGBERTUS, kapt. H.A. Brouwer, DE VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth, DE GOEDE WELVAART, kapt. G.J. Vos, PIETER, kapt. J.H. de Weerd, JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, DE JONGE DERK, kapt. H.E. Vos, DE JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, alle acht naar Noorwegen en JACOBA HAZEWINKEL, kapt. J.G. Boon, naar Memel (opm: Klaipeda); het schoenerschip MAGNET, kapt. E.L. Cooper, naar Dundee.
Den 30 dito het brikschip WILHELM FRIDRICH, kapt. S.A. Parr, naar Noorwegen.
Den 31 dito het galjasschip NORDSTIERN, kapt. H.O Thorgensen, naar Noorwegen het schoenerschip MARENONIJ, kapt. N. Robin, naar Newcastle.
Den 1 september het galjasschip DOROTHEA FREDERIKA, kapt. O.J.N. Sunde, naar Huzum.
Den 2 dito de kofschepen CONCORDIA, kapt. H.B. Drok en ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, beide naar Noorwegen
Den 3 dito de schoenerschepen FAME, kapt. H.S. Holeman, en FRIENDS, kapt. J. Manning, beide naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. L.J. Huber, Notaris te Sneek, gedenkt publiek, bij strijk- en verhooggeld te verkopen: de helft van een Trekschip, varende van Sneek op Leeuwarden en vice versa, met het half veer, aandeel in paarden, kloeten, haken en lijnen, enz. acht dagen na de finale adjudicatie (opm: toewijzing) te aanvaarden. Wie gading maakt, kome op zaterdag den 9 september e.k. bij de beschrijving, en acht dagen daarna bij de finale adjudicatie, telkens des avonds ten zeven ure, ten huize van den sociëteithouder L. van Ussink te Sneek, en kope op conditiën dan voor te lezen, inmiddels te vernemen, als mede de bewijzen van eigendom, ten kantore van Mr. Huber te Sneek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een snelzeilende Boot, lang 5 el 5 palm, wijd naar advenant, met twee stel zeilen, één grote en één kleine mast, en verder aanbehoren. Te bevragen bij Ids Corns. Sijtsma, op het Vliet te Leeuwarden.


07 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke Verkoping, op maandag den 11 september 1837, des namiddags ten vier ure, aan het Westnieuwland, bij de Wip, te Rotterdam, van een Poon- of Damschuit, genaamd DE VROUW JOHANNA, groot 38 tonnen, met derzelver mast, staande en lopend want, zeilen, fok, ankers, kombuis en verder toebehoren, zo als hezelve zeilree liggende te zien is op de dag van de verkoping, van des morgens 9 tot 4 ure.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Den 4 dezer arriveerde te Helvoetsluis WEBBINA, B.H. Kuijper, van Newport.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Den 5 dezer arriveerde in de Maas JUFFER YNSKE, S.T. Kramer, van Cardiff.
Den 6 dezer arriveerden FAMILIE, J. Lange, ALIDA GIEZEN, J.J. Zelling, en EGBERDINA, G.J. Bossinga, van St. Petersburg, en GOEDE HOOP, H.B. de Jonge, van Drammen.
Den 7 dezer, des morgens, zeilden HOOPENDE ZEEMAN, W.F. Pronk, naar Hamburg, en ISIS, J. Maas, naar de Oost Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Den 6 dezer zeilden van Maassluis JANTINA PETRONELLA, B.P. Kolk, naar Liverpool, en METTINA JANTINA, H.H. Koster, naar Cardiff, en arriveerden ZEELUST, A. Patyn, en NIJVERHEID, H. de Kromme, van de Noord Zee. De wind W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 september. Kapt. B.B. Kuhn, van Drammen in het Vlie binnen, heeft zes mijlen ten N.O. van Terschelling gepraaid het schip ONRUST, kapt. P.R. Huisman, van Riga naar Schiedam; aan boord alles wel.


08 september 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens particulier bericht is in Texel binnengekomen op 1 september het schip LUCCINA MARGARETHA (opm: kof LUKKINA MAGRIETA), kapt. H.S. Hoveling, van Archangel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. B.B. Keun, van Drammen in het Vlie binnen, heeft 6 mijl te noordoosten van Terschelling gepraaid het schip (opm: kof) ONRUST, kapt. P.R. Huisman, van Riga naar Schiedam; aan boord was alles wel.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De kof ALETTA, kapt. F.B. Nepperus, in ballast van Zaandam naar Nerva, is volgens brief van Elseneur van 28 augustus, op 25 augustus wegens aldaar ter rede bekomen schade aan de braadspil door een stoomboot in de haven gesleept, doch zou die dag gereed worden om de reis voort te zetten.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen ALIDA GIEZEN, kapt. J.J. Zelling, van Petersburg naar Dordrecht, ENGBERDINA, G.J. Bossinga van Petersburg naar Rotterdam, de GEZUSTERS, kapt. C.J. Remts, voor kapt. E.H. Post, en de VREDE EN VRIJHEID, kapt. F.A. Lammerts, beide van Nerva, alle vier naar Amsterdam, wegens tegenwind ter rede van Elseneur (opm: Helsingör) liggend, hebben op 28 augustus de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de KOOPHANDEL, kapt. D. Steur, van Rotterdam naar Batavia was 23 augustus op de hoogte van Ramsgate.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HENDRIKA, kapt. B.B. de Weerd (opm: kof HENDERIKA, kapt. K.B. de Weerd), van Fernambuck (opm: Recife) naar Hamburg, was 31 augustus op de hoogte van Falmouth.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Den vierde dezer maand ontving ik de voor mij zo bedroevende tijding van het afsterven van mijn jongste dochter Elsina Hendrika Hoveling, huisvrouw van Luthe Pinksterboer de Vrede. Ze werd geboren op 2 april 1812 te Gothenburg en stierf op zee op 21 augustus dezes jaars en werd op 23 augustus te Dantzig ter aarde besteld, na een echtverbintenis van 4 jaar en 7 weken, nalatende twee kinderen, waarvan de jongste nog geen twee jaren telt. Een kortstondige ziekte van nog geen drie uren rukte haar weg op de terugreis van Dantzig naar het vaderland. Iedereen die zich in dergelijke omstandigheden bevonden heeft, kan licht beseffen hoe dit hartverscheurend bericht mij treft. Gebruik makende van deze thans gebruikelijke weg, geve ik van dit voor mij zo treffend verlies aan familie en bekenden bericht. Verzoekende van rouwbeklag verschoond te blijven.
Veendam, 6 sepember 1837, bij afwezigheid van mijn man, H.G. Hoveling, geb. Oortjes


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: de helft in een snelzeilend Veerschip, varende van Heerenveen op Leeuwarden vice versa. Te bevragen bij G.H. Hempenius, te Heerenveen.


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Een feest is in voorbereiding voor 14 september voor de eerste tewaterlating van een stoomboot in Antwerpen, de ANTWERPEN, welke dient ter vervanging van de PRINCESS VICTORIA die zal worden bestemd voor de dienst Antwerpen – Hamburg. Cockerill is niet in staat de benodigde machines op tijd te leveren; zij zullen nu in het buitenland worden vervaardigd.


09 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Naar men verneemt zijn de werkzaamheden tot het daarstellen van een ijzeren spoorweg tussen Amsterdam en Haarlem sedert enige dagen aangevangen. Ook wordt verzekerd dat de Statuten voor de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij, bij koninklijk besluit van den 4 dezer, zijn bekrachtigd, en is die maatschappij alzo werkelijk tot stand gebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Den 6 dezer arriveerden te Helvoetsluis FLORA, J.D. Meincke, van Archangel; ALIDA, H.F.Deddes, van Cardiff, en ANNA CATHARINA, O. Houwink, van Arendsburg (opm: Kuressaare), en zeilden NEDERWAARD, M.D. Meyer, HELENA CHRISTINA, J. Martens, en DRIE MARIA’S, J. Glazener, naar Batavia.
Den 7 dezer arriveerden CORNELIUS DASSE VIËTOR, H.H. Bosker, van Nerva; de HOOP, D. Guyt, van Liverpool; JOHANNA MARIA, W.K. de Groot, van Baltimore, en NEDERWAARD, M.D. Meyer, terug uit de Noord Zee.
Den 8 dezer zeilden de HOOP, W.K. Kok, naar St. Petersburg, en ACHT GEBROEDERS, H.H. Kramer, naar Riga.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Schipper H. van der Hoeven, voerende de loodsboot no. 8, rapporteert den 27 augustus, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness), gezien te hebben een Hollandse bark, voerende de Rotterdamse vlag no. 2, hebbende de wind O.N.O.
Volgens bericht van de loodsboot No. 8 was den 30 augustus op de hoogte der Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) kruisende het fregatschip ZUIDHOLLAND, kapt. J.C. Jansen, van Rotterdam bestemd naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Kapt. P. Vitel, van Rio-Janeiro in Texel binnen, heeft den 26 juli, op 1º19’ Z.B. 16º W.L. gepraaid een Hollandse brik, tonende vlag van het zeemanscollegie Zeemanshoop, met no. 3, zijnde die van kapt. A. van der Abeele, voerende het schip PRINS FREDRIK DER NEDERLANDEN, van New-York naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 8 september. Volgens brief van kapt. J.F. Mulder, voerende het Pruissisch galjas LUDWIG WILHELM, in dato Dantzig (opm: Gdansk) 23 augustus, was hij den 25 dito, na een reis van 106 uren (met oponthoud te Elseneur [opm: Elsenör]), aldaar van Amsterdam aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping op maandag den 11 september 1837, des namiddags ten vier ure, aan het Westnieuwland, bij de Wip, te Rotterdam, van een Poon- of Damschuit, genaamd DE VROUW JOHANNA, groot 38 tonnen, met derzelver mast, staande en lopend want, zeilen, fok, ankers, kombuis en verdere toebehoren, zo als hetzelve zeilree liggende te zien is op de dag van de verkoping, van des morgens 9 tot 4 ure.
J.J. Suerhoff, deurwaarder


  AH - Algemeen Handelsblad

Volgens bericht uit Tonningen d.d. 3 september waren de ladingen zaad van de schepen ANNA ELSABE, kapt. Schade, en CECILIA, kapt. Nissen, beide van Stettin naar de Zaan, aldaar verhit aangekomen en maakten de kapiteins aanstalten tot lossen. De lading van de ANNA ELSABE was zodanig verhit, dat zonder dadelijke luchting dezelve waarschijnlijk geheel bedorven zou zijn.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip JOHANNES, kapt. Holst, van Hamburg naar Amsterdam, is in de nacht van de 31e augustus bij Ameland door een kof aangezeild geworden, waardoor de schanskleding (opm: verschansing) weg en de giek gebroken is, en naar Cuxhaven heeft moeten terug keren. Het heeft aldaar gerepareerd en lag de 1e september weder zeilklaar.


12 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Den 8 dezer arriveerde te Helvoetsluis SUMATRA, J. Joses (opm: fregat, kapt. J. Joosten), van Batavia.
Den 9 dezer zeilde HILLECHINA, W.K. de Wijk, naar … (opm: niet vermeld), en arriveerde HARMONIE, J. Rooderkerk, van New-York.
Den 10 dezer zeilde MAASNYMPH, T. Verschuur, naar Leith, en arriveerde Zr.Ms. oorlogsbrik MERCUUR, luitenant der 1e klasse Kerkwijk; de MAAS, M. van Velthoven, van Batavia, CERES, J. Noord,van New-York en ANTONY, E.H. Mugge, van Archangelsk.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Den 8 dezer arriveerde in de Maas ANNA CORNELIA (opm: kof), D.H. Daniels, van Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Den 9 dezer zeilde van Maassluis CORNELIA, T. Peek, naar Newcastle.
Den 11 dezer zeilde NIJVERHEID, H. de Kromme, naar de Noord Zee.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Harlingen binnengekomen: Den 3 september de kofschepen de JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, en CATHARINA ESGELINA, kapt. E.H. de Groot, beide van Noorwegen; de smakschepen DE VROUW GEBBINA, kapt. S.J. de Vries (opm: VROUW GEPBIENA, kapt. Pieter Jans de Vries), van Dantzig (opm: Gdansk), en JACOBA & CATHARINA, kapt. E.A. Niehoff, van Noorwegen.
Den 4 dito het schoenerschip UNION, kapt. H.B. Disney, van Londen, het kofschip de VROUW CATHARINA, kapt. G.K. Wijkmeijer, van Noorwegen
Den 6 dito het kofschip DE HUNSE, kapt. H.S. Ketelaar, van Liverpool.
Den 7 dito de kofschepen GEZINA JOHANNA, kapt. H.W. Lukens, DE JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, MARGRETHA, kapt. T.K. Mulder, MERCURIUS, kapt. H.F. Visser, alle vier van Noorwegen, ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, en DE VROUW JOHANNA, kapt. J.L. de Vries, beide van Memel (opm: Klaipeda); het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, van Leith; het brikschip MARTHA HELENA, kapt. K. Larsen, van Noorwegen.
Den 8 dito het kofschip JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, van Noorwegen.
Den 9 dito het brikschip LOUISA, kapt. T. Raben, van Stokholm.
Van Harlingen uitgezeild: den 4 september de galjasschepen CATHARINA, kapt. C. Niemann, DIE ZWAAN, kapt. J.C. Giese, MINERVA, kapt. T. Niemann en het brikschip EMILIE, kapt. J.W. Bleckert, alle vier naar de Oostzee; de kofschepen VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd en WILLEM, kapt. H.W. Kiers, beide naar Noorwegen.
Den 6 dito het galjasschip DIE DREI STERNE, kapt. W.N. Davids, naar de Oostzee.
Den 7 dito het kofschip IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr. en het barkschip SOPHIA, kapt. P.J. Arbo, beide naar Noorwegen; het sloepschip JOHNS, kapt. J. Bulmer, naar Newcastle.
Den 8 dito het kofschip DE JONGE DIRK, kapt. H.W. Mulder, naar Noorwegen.
Den 9 dito de schoenerschepen NORTHAM, kapt. D. Charrosin en FLORA, kapt. J. Manning, beide naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Hoofd-Departement der Marine van de Maas.
Op woensdag den 20 september 1837, des middags ten twaalf ure, zal, ten overstaan van de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis en in het bijzijn van de Constructeur der 2e klasse aldaar, in een der Localen aan ’s Rijks Werf, in het openbaar aan de meestbiedende verkocht worden: de voor ’s Rijks Dienst afgekeurde Corvet PALLAS, liggende ter voorschreven plaatse, op zodanige Voorwaarden als ter Secretariën van de Directie der Marine te Amsterdam, Rotterdam en Vlissingen en op het Bureau van de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis, ter lezing van de daarbij belanghebbenden zullen voorliggen.
De voorschreven Corvet zal zes dagen vóór de verkoopdag, op vertoon van een Permissiebiljet, afgegeven door de Onder-Directeur der Marine te Hellevoetsluis, kunnen bezigtigd worden.
Rotterdam, 8 september 1837, de Vice-Admiraal, Directeur en Commandant der Marine in het Hoofd-Departement van de Maas, bij deszelfs afwezendheid,
De Secretaris bij de Directie, W.M. Obreen


13 september 1837


  JC - Javasche Courant

Advertentie. De directeur van ’s Lands Middelen en Domeinen maakt bij deze bekend, dat op het wrak van het op de rede van Pasoeroean verbrande en gezonken schip DILIGENCE door deskundigen de volgende peilingen zijn gedaan:
- het oostelijk zichtbare land of Tanjong Prapat: O.Z.O.
- het bosje aan de oosthoek der Pasoeroeanse rivier, genaamd Kaijoe-anak: Z.¾W.
- de vlaggestok te Passoeroean: Z.t.W.½W.
- de top van de berg Penangoengan: W.½Z.,
alles volgens miswijzend kompas. Bij gewoon laagwater ligt gemeld wrak in vijf vademen diepte.
Batavia, 9 september 1837, de directeur voornoemd J. Dupuy.
(opm: bekort)


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op woensdag de 27e september 1837 zal door Vendumeesteren, ten overstaan van een commissie uit de Raad van Justitie, krachtens appointementen condemnatoir van diezelfde Raad d.d. 6 juli 1837, ter instantie van Mr. H. Klein, agerende voor en vanwege Sim Bengko q.q. en Tjoe Tjiam, bij executie worden verkocht de brik TWEE GEBROEDERS, toebehorende aan Bedier & Zoon, hebbende een dek en twee masten, lang 17,90 meter, breed 5,55 meter en diep 3,20 meter, berekend te zijn groot 53 lasten.
De eerst gezw. expl. bij de Raad voornoemd, Schouten.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 10 september. Heden is hier aangekomen de Nederlandse brik ERASMUS, kapt. P.F. Mark, de 15e mei vertrokken van Londen.


  JC - Javasche Courant

Soerabaija, 31 agustus. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark BOEROONG,thans genaamd THE CORSAIR,kapt. S. Farrow, met een passagier en Zr.Ms. troepen, de 27e augustus vertrokken van Samarang.


14 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. De Javasche Couranten tot den 13 mei behelzen het volgende bericht uit Batavia van den 9 dier maand:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, corvetten VAN SPEIJK en BOREAS,
Nederlandse schepen GENERAAL CHASSẾ, de ZEEMEEUW, BATAVIA, JOHANNA EN SUSANNA, en DE NEDERLANDEN, brikken INDRAMAYOE, JOEDEL KARIM, HARRIET en ELIZA, barken DOROTHEA HENRIETTA, FATAL DJAWAT, LOUISA, PERLE en NEDERLANDER, schoeners VIRGO, GOLLEK, DIANA en MARZOEK, Amerikaanse schepen BROTHERS, en CHAMPLAIN, Engelse schepen EDEN, ANN LOKERBY, SAIN VINCENT en MARY AND JANE, brik SCOTIA, Portugees schip ST. FRANCISCO DE PAULO, brik BRITHANTE, Frans schip COURIER DE MANILLE, bark L’ALCIDE, Chinese jonken JIETHIENG, KIM INGHING, LIM SOENSING en Cochin-China schip THIO LONG.
Van Batavia zijn vertrokken de Nederlandse bark ADELAAR naar China en het schip TWEE CORNELISSEN naar Soerabaya.
Van Samarang is naar Soerabaya gezeild het Nederlandse schip FLEVO.
Den 2 mei lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. fregat DIANA, corvet ZWALUW, stoomschip HEKLA, brik SIWA, schoeners JANUS en CASTOR, kanonneerboten no. 14 en 15; Nederlandse schepen GRACE, SINGAPOERA, MEDORA, CHARLOTTA en JULIA,
brikken ALYDA, PESISIER, BORNEO, DE HOOP, ONDERNEMER en ALIE OESOOR,
barken SUSANNA DOROTHEA, FATAL BARIE, MASTORA, SEGAF, DIEDERIKA en JOESOOR; schoeners LAJU, IRIS, CAROLINA, DOLPHYN en REFECTIE,
Amerikaans schip LONDON.
Straat Sunda doorgezeild de Nederlandse schepen MAASSTROOM, en NEÊRLANDS KONING naar Batavia, en het Amerikaans schip ROME, van Batavia naar Cowes en Nederland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Den 12 dezer zeilden van Helvoetsluis HARMONIE, H.H. Naatje, naar Belfast; ANNA SIBERDINA, J.H. Ugen, naar Petersburg, en MARIA, E. Pekelder, naar Cardiff, en arriveerden de HOOP, D. Gust, van Riga, en ELIZA, S.G. Molenaar, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Den 12 dezer arriveerden in de Maas ROELFINA, J.K. Bolhuis, van St. Petersburg, en ALBERDINA, G. Venema, van Stockholm.
Den 13 zeilden CAROLINA JOHANNA, D. Niemann, naar Dantzig (opm: Gdansk); VRIENDSCHAP, J. Kwakkelstein, naar Bilbao; GOEDE HOOP, H.B. de Jong, naar Drammen, en arriveerde MERCUUR, W. Arkema, van Cardiff.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Den 11 zeilde van Maassluis ZEELUST, A. Patijn, naar de Noord Zee.
Den 13 dezer zeilde MARIA BEERTA, K.A. Tap, naar Liverpool, is echter op de rede terug gekomen. De wind W.Z.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Kapt. S.G. Molenaar, van Batavia te Helvoetsluis binnen, rapporteert gepraaid te hebben den 30 juli, ter rede van St. Helena, de schepen DE NEDERLANDER, kapt. Struik, en de STAD UTRECHT, kapt. Rolff, en den 11 dezer, op de hoogte van Zuid-Voorland (opm: South Foreland), in goede staat zeilende gezien te hebben een schip tonende Amsterdamse nommervlag met 72, en de HELENA CHRISTINA (opm: fregat), kapt. B.J. Martens.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Kapt. C.E. Waahl, van Drammen te Amsterdam gearriveerd, heeft den 27 augustus 57º10’ N.B. en 5º55’ O.L. van Greenwich, bij hevige stormen uit het noorden, zien kenteren en dadelijk zinken een galjas, de naam, vlag en destinatie geheel onbekend, doch hoogst vermoedelijk met hout beladen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 september. Het schip de DRIE VRIENDEN, kapt. J. Sipkes Fzn, van Amsterdam naar Philadelphia en New-York, is den 3 dezer, met W. wind, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness), in goede staat zeilende, gezien door de Texelse loodsschipper IJsbrands Metzelaar, voerende de loodsschuit no. 1.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Corver, makelaar, zal op maandag de 2e oktober 1837 te Amsterdam, 's avonds te 6 uur, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen een extra ordinair wel bezeild gekoperd kofschip, genaamd DE JONGE EVERT, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapt. Barteld J. Wijgers. Volgens Nederlandse meetbrief lang 23 ellen, 36 duimen; wijd 4 ellen, 71 duimen; hol 2 ellen, 42 duimen; en alzo gemeten op 63 lasten. Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar. (opm: zie AH 041037)


15 september 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de DRIE VRIENDEN, kapt. J. Stokes Fzn, van Amsterdam naar Philadelphia en New York, is op 3 september met Noordelijke wind op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) in goede staat zeilende gezien door de Texelse loodsbootschipper T. Metselaar, voerende de loodschuit No. 4.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip RHODE ISLAND, kapt. Schroder, met tabak van New Orleans naar Cowes om order, is na op 2 augustus geheel op zijde gelegen te hebben, op 5 augustus met overgeworpen lading zwaar lek te Savannah binnengelopen, hebbende 6 voet water in het ruim en zijnde de kapitein stervende en de stuurman mede zwaar ziek.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Veerschip, lang 11 el 360 streep, wijd 3 el 337 streep, met of zonder tuigage, naar verkiezing. Te bevragen bij P.G. Ponne, beurtschipper van de Oudemarkt op Sneek. Brieven franco.


16 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 14 september. Na afgelegd examen, zijn van het Instituut te Medemblik benoemd: tot adelborsten der 1e klasse bij de Nederlandse marine, J.E. Buys, D.L. Wolsson, J. Osti, jonkhr. A.J.J. Druyvesteyn, W.L.C. Ram, jonkhr. J. Westpalen van Hoorn van Burg, J. Eyme, J.W. Noordziek, P.J. Heyning en J.F. Koopman, en tot tweede luitenant bij het korps mariniers de serjant bij dat corps J. Bakker.
Terwijl dit jaar, met 1 oktober, weder de volgende aspiranten op gemeld Instituut als adelborsten zijn geplaatst, te weten: A.J. van de Poll, A.A. van Kervel, P. van Lelyveld, H.J. de Lange,J.J.B. de Jonge Oudraat, K.G.W. baron van Wassenaar, J.W. van Rijn, A.W. van Sevenincke, jonkhr. H.P. Klerk, J.K. van de Krysse Pilaar, N.J.C. Lette, J.A. van der Muelen, H.D. Slegt en W.C.A.B.P. Ariens.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Uit Vlissingen wordt van den 12 dezer gemeld: Heden morgen kwam Z.K.H. de Prins Veldmaarschalk, aan boord van het koninklijk stoomjacht DE LEEUW, voorbij Vlissingen, en stoomde de haven van Breskens in, om aldaar de nieuw aangelegde vestingwerken en forten in ogenschouw te nemen (opm: bekort).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Gisteren zeilden van Scheveningen met een W.N.W. koelte naar zee, om naar het diep water onder de Engelse kust te stevenen en aldaar de steurharing-visserij uit te oefenen, negen pinken, die binnen weinige dagen staan gevolgd te worden door nog 36 andere (opm: zie RC 210937). Van Katwijk aan Zee zeilden van deze teelt 22 en van Noordwijk aan Zee vier pinken. (opm: bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. In de Javasche Couranten tot den 27 mei vindt men het volgende:
Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, Nederlandse schepen GENERAAL CHASSẾ, MAASSTROOM, PEKALONGAN, LORD MINTO en MERCURY, brikken TWEE GEZUSTERS, TARTAR, TEKSIN, PATRIOT en ELIZA, barken MADURA, FATHOOR RACHMAN, DIEDERIKA, MARGARETHA en LOUISA, schoeners MARZOEK, ALCESTA, DE HOOP OP WELVAART, ANTING, GOANHIEN, CAROLINA en CATHARINA, Amerikaanse schepen MORRISON en HENRY TUKE, Engelse schepen SAIN VINCENT en COUNTESS OF DURHAM, brik SCOTIA,Portugese schepen ST. FRANCISCO DE PAULO en COURIER DE MANILLE, bark PROVIDENCIA, Chinese jonken JIETHIENG, KIM INGHING en LIM SOENSING.
Van Batavia zijn vertrokken de Nederlandse schepen DE ZEEMEEUW en NEÊRLANDS KONING naar Soerabaya, en het Engels schip ANN LOCKERBY naar Nederland.
Te Samarang is van Batavia gearriveerd het Nederlands schip ANNA CATHARINA.
Den 17 mei lagen ter rede van Soerabaya Zr.Ms. fregat DIANA, corvet ZWALUW, stoomschip HEKLA, brik SIWA, schoeners JANUS en CASTOR, kanonneerboten no. 14 en 15, civiele schoener VLIEGENDE VISCH;
Nederlandse schepen SINGAPOERA, GRACE, JULIA, MEDORA, FLEVO en CLAUDIUS CIVULIS, brikken de HOOP, PESISIER BORNEO, ALYDA, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken SUSANNA DOROTHEA, FATAL BARIE, MASTORA, SEGAF en PAUL, schoeners SINGLIE, ORION, LAJU, IRIS en REFECTIE;
Straat Sunda is doorgezeild het Amerikaans schip EDEN naar Nederland, via Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Den 13 dezer zeilde van Helvoetsluis WIETZINA, D.D. Greven, naar Nantes.
Den 14 arriveerden EMILIE, J.F. Schuvelberg, van Baltimore, en FREDERIKA, H. Voss, van Riga, als bijlegger naar Antwerpen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Den 13 dezer arriveerde te Maassluis JONGE LEENDERT, K. Kordia, van IJsland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Den 14 dezer arriveerde JONGE TJARK GIEZEN, L.T. Sok, van Pernau (opm: Pärnu, zie ook RC 300937).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 september. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 12 september:
Gepraaid RHOON EN PENDRECHT (opm: fregat), van Rotterdam naar Batavia gedestineerd, den 8 mei, op 2º N.B. en 22º lengte.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 14 september. De 12e dezer is hier aangekomen de Nederlandse bark de RHIJN, kapt. Brandligt, met drie passagiers, de 16e maart vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen de Nederlandse schoener SYLPH, kapt. P.D. Napp, met een passagier en Zr.Ms. troepen, de 6e juni vertrokken van Rotterdam.


18 september 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip MONNIKENDAM, kapt. Douwe H. Kramer, was volgens brief van Alicante van de 26e augustus gereed om over twee dagen van daar naar Amsterdam te vertrekken.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip de TWEE CORNELISSEN, kapt. Sybrand Veenstra, te Soerabaija gearriveerd, zou volgens brief van de laatste juni van Batavia naar Japan vertrekken.


19 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam in lading liggende schepen naar:
Batavia: het nieuw kopervast gebouwd en gekoperd Fregatschip ADMIRAAL ZOUTMAN, kapt. Lambertus Heykoop, hebbende de beste inrigtingen tot overvoer van passagiers
Triëste: het gezinkt Schoener-hoekerschip VERTROUWEN, kapt. L. Overgaauw.
Marseille: het Hoekerschip DRIE GEBROEDERS, kapt. G. van der Borden; ligt gereed.
Bordeaux: het Kofschip DOURO, kapt. H. de Haas.
Nantes: het Kofschip MARTINA JOHANNA, kapt. R.J van Driesten, om spoedig te vertrekken.
Liverpool: het Kofschip MAAS, kapt. P.J. Bakema.
Idem: het Schoener-kofschip CORNELIUS DASSE VIËTOR, kapt. H.H. Bosker.
Belfast: het Schoener-kofschip VROUW HENRIETTE, kapt. H.F. Klie.
Hamburg: het Smakschip HOOP (opm: tjalk DE HOOP), kapt. A.L. de Vries.
Idem: het Smakschip ALBERDINA, kapt. G. Venema.
Koningsbergen ([opm: Kaliningrad] door het Holsteinsche Kanaal): het Hanovers Kofschip HARMONIE, kapt. W.L. Veen.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
Batavia: met uitmuntende inrigtingen voor passagiers, het gekoperd Fregatschip ’s GRAVENHAGE, kapt. D.J. Bulsing; vertrekt den 13 dezer.
Idem: het gekoperd Fregatschip MARY EN HILLEGONDA, kapt. D.A. de Jong, hebbende uitmuntende inrigtingen voor passagiers en voerende een bekwame scheeps-doctor; vertrekt den 18 dezer.
Idem: het gekoperd Brikschip ADRIANUS EN JAKOBUS, kapt. A. Plokker, met goede inrigtingen voor passagiers.
Adres ten Kantoren van Kuyper, Van Dam en Smeer en Hudig en Blokhuyzen
Suriname: het gekoperd Schoenerschip EQUATOR, kapt. J. van der Kolff Wz.
New-York: het schoenerschip MARIA EN ADRIANA, kapt. P. Janzen.
Liverpool: het Kofschip JONKVROUW ELIZABETH, kapt. H.L. Heres.
Idem: het Kofschip CERES, kapt. J. Noord.
Idem: het Kofschip CATHARINA, kapt. M.M. Pott jr.
St. Petersburg: het Kofschip MARGARETHA CORNELIA, kapt. R.C. Hazewinkel, om den 13 september te vertrekken.
Adres ten Kantore van Hudig en Blokhuyzen
Marseille: het schip ONRUST, kapt. P.R. Huisman, om spoedig te vertrekken.
Elseneur (opm: Helsingör) en Riga: het schip JOHANNA MARIA, kapt.. W.K. de Grooth; vertrekt stelling den 23 dezer.
Adres bij de Cargadoors Van Ulpen en Ruys en Ch. en J.F. Cornelder Hz.
Stettin ([opm: Szczecin] door het Holsteinsche Kanaal): het schip ALIDA EN LUCAS, kapt. H.K. Rentes.
Hamburg: het Hanovers Kofschip ANNA CORNELIA, kapt. D.H. Daniels.
Idem: het Kofschip BOUGINA, kapt. R.J. de Jonge
Adres bij Ch. en J.F. Cornelder Hz
Dantzig (opm: Gdansk): het Kofschip DIANA, kapt. J.A. Albers,
Stettin (opm: Szczecin): het Kofschip JOHANNA GEZIENA, kapt. J. Braune,
beide schepen door het Holsteinsche Kanaal; liggen gereed.
Adres bij Seeuwen en Mair
(opm: uitsluitend de Nederlandse schepen opgenomen over een geadverteerde periode van circa 15 dagen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Den 16 dezer arriveerden te Helvoetsluis VROUW ANNA, W. de Zeeuw Baggus, van Tromsö; ANJA, A.C. Hazewinkel, van Bergen; ROELINA JELTINA, D.H. Puister, van Oleron; ALETTA ELIZABETH, R.J. Wever, en HENRIETTE, H. Witmer, van Libau (opm: Liepaja).
Den 17 dezer arriveerden MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, van Bergen, en VENILIA, R.J. Kranenburg, van Liverpool. De wind W.Z.W.
Den 18 dezer arriveerde de loodsboot no. 3, welke door de hoge zee zijn mast heeft gebroken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Den 16 dezer zeilde uit de Maas NIJVERHEID, P.H. Puister, naar Bergen, en arriveerde BOUGINA, R.J. de Jonge, van Riga.
Den 17 dezer arriveerde ALIDA FROUKINA, J.H. Mulder, van Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Kapt. M. van Velthoven (opm: voerende fregat DE MAAS), van Batavia te Rotterdam gearriveerd, heeft op 35º10’ Z.B. 24º30’ O.L. gepraaid de bark EIDICIA; op 11º58’ N.B. 25º53’ W.L. het schip EMANUEL.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 15 september.
Men schrijft van Ramsgate, van den 13, dat de SOPHIE, Rooms (opm: galjas SOPHIA VAN ROESELAERE, kapt. Jef Rooms), van Ostende naar Faro, na op Goodwin Sand gestoten te hebben, aldaar met zeeschade was binnengebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Directie der Nederlandsche Handel-Maatschappij brengt ter kennis van de belanghebbenden dat, na de afloop der tegen 21 dezer te Middelburg aangekondigde veilingen van Koffij en Suiker, nog ten verkoop zal worden aangeboden een hoeveelheid van 280 kranjangs (opm: krandjang, gevlochten mand van bamboe als verpakking voor suiker)
Java suiker, beschadigd gelost uit het schip MIDDELBURG, kapt. C. Riekels, en waarvan de monsters aldaar ter bezigtiging voorhanden zijn.
Amsterdam, den 14 september.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip CLASINA ADRIANA, kapt. Haringa, van New York naar Suriname, is op 20ºNB en 52º WL gepraaid met verlies van fokkemast.
(opm: datum en door welk schip worden niet vermeld)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Volgens brief van kapt. J. Tammes, voerende het schip (opm: kof) de LEMMER, van Amsterdam naar Genua en Livorno in dato 6 september, was hij alstoen bezig met van Texel naar zee te zeilen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANNETTE CLARA (opm: kof ANNETTA CLARA), kapt. W.D. Dekker, met rogge van Wolgast naar Rotterdam of Amsterdam, op 8 september te Romöe gestrand, is volgens brief van Delfzijl op 11 september weder afgebracht en na een noodtuig opgezet te hebben op 8 september aldaar binnengelopen.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Harlingen binnengekomen: Den 10 september het schoenerschip EUREDYCE, kapt. F. Lindberg, van Helsingfors (opm: Helsinki), het smakschip DE JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, van Noorwegen.
Den 12 dito de kofschepen ANNEGINA, kapt. H.J. Zeven, van Noorwegen en AMICITIA, kapt. H.J. Benes, van Wijborg.
Den 13 dito het kofschip ZEELUST, kapt. R. Sluik, van Memel (opm: Klaipeda).
Den 14 dito het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. K.E. Vos, van Noorwegen; het schoenerschip HOPE, kapt. W. Cousins, van Londen.
Den 15 dito het kofschip MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, van Noorwegen.
Den 16 dito de kofschepen DE HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Grooth en JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veen, beide van Noorwegen; het schoenerschip LIVELY, kapt. S. Finch, van Londen.
Van Harlingen uitgezeild: Den 12 september het smakschip JACOBA CATHARINA, kapt. ?.H. Niehoff, de kofschepen CATHARINA ENGELINA, kapt. E.H. de Grooth, DE VROUW CATHARINA, kapt. G.K. Wijkmeijer, alle drie naar Noorwegen.
Den 13 dito het schoenerschip SARAH & HELEN, kapt. J. Atkins, naar Leith; de kofschepen GESINA JOHANNA, kapt. H.W. Lukens; DE JONGE JAN, kapt. J.K. Bart, JAN FREDRIK, kapt. H.H. Kok, alle drie naar Noorwegen; het smakschip DE VROUW GEBBINA, kapt. S.J. de Vries (opm: VROUW GEPBIENA, kapt. Pieter Jans de Vries), naar Noorwegen; het kofschip MARGRETHA, kapt. T.K. Mulder, naar Noorwegen.


20 september 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 18 september Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip VROUW MARIA, kapt. P. Kleij, met drie passagiers en Zr.Ms. troepen, de 3e mei vertrokken van Rotterdam, en het dito schip ANNA, kapt. A. Hazekamp, met een passagier, de 6e mei vertrokken van Baltimore.


21 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. De nog overgebleven 32 pinken, bestemd ter steurharing-visserij, zijn eergisteren gelijktijdig van Scheveningen in zee gestoken.
(opm: zie RC 160937).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. Den 18 dezer arriveerde te Helvoetsluis JOHANNA GEZIENA, P.G. Schuur, van Liverpool.
Den 20 zeilden van Helvoetsluis NEDERWAARD, M.D. Meyer, ANTOINETTE MARIA, H.B.C.H. Ruysch, en INDIAAN, O. Kievyt, naar Batavia; DE BEURS, C van Alen, en FREDERIKA, H. Voss, naar Antwerpen; TREKVOGEL, J. Spanjersberg, en KLEINKINDEREN, A. de Breens, naar Lissabon, CONCORDIA, F.H. Eddes, en WENDELINA, H.J. Mulder, naar Liverpool; MARS, J. Metzon, naar Malta; JOHANNA MARIA, D. van der Valk, naar Cadix, ARENDINA MARIA, G.H. Boerhaven, naar Yarmouth; TWEE GEBROEDERS, G.H. Nagel, naar het Liet van Edinburg (opm: het vaarwater naar Edinburgh, mogelijk de Firth of Forth), en DRIE GEBROEDERS, G. van der Borden naar Marseille.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. Den 20 dezer zeilden van Maassluis MARIA BEERTA, K.A. Tap, en JONKVROUW ELIZABETH, H.L. Heres, naar Liverpool; FENNEGINE, H.J. Puister, naar Southampton, en MARGARETHA CORNELIA, R.C. Hazewinkel, naar Petersburg.
De wind O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. Den 28 augustus is te Smyrna (opm: Izmir) in goede staat aangekomen het Nederlands brikschip HENDRICA ELIZABETH, kapt. A. Riedijk, van Rotterdam, laatst van Livorno.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 september. Kapt. D.H. Hazewinkel, van Bergen te Helvoetsluis binnen, heeft den 16 dezer, op 52º27’ N.B. en 3º OL. gepraaid de kof FREDERICA, kapt. J. Barends, van Amsterdam naar Rochefort.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. In de loop van de maand oktober zal van Amsterdam naar Batavia vertrekken: Het nieuw gebouwd en gekoperd tweedeks barkschip DECIMA, kapt. K.J. Bolhuis, voorzien van een goede, ruime en welingerichte kajuit. Personen en families van deze gelegenheid voor de overtocht naar Java gebruik willende maken, of iemand goederen te verzenden hebbende, gelieve zich te vervoegen, ten kantore van de cargadoor F. der Kinderen te Amsterdam.
(opm: eerste reis nieuw schip)


22 september 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuw gekoperde tweedeks fregatschip DE YSTROOM, kapt. A.F. Oosterlo. Adres bij B.D. Bosscher.
Batavia. Het nieuw gebouwde gekoperde tweedeks fregatschip OOST-INDIÉ, kapt. Govert Blom.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en De Vries en Comp.
Batavia. Het gekoperde tweedeks fregatschip JAVAAN, kapt. J.A. Witsen.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman, De Vries en Comp. en F. der Kinderen.
Batavia. Het gekoperde tweedeks fregatschip GENERAAL BARON VAN GEEN, kapt. J.J. Kortryk, van Dordrecht.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Comp., Hoyman en Schuurman en De Vries en Comp.
Suriname. Het galjootschip ANNA EN MARIA, kapt. Daniel Steenveld.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het tweedeks driemast galjootschip CONCORDIA, kapt. Jan Daniel Diets.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip CATHARINA ANNA HELENA, kapt. Foeke Hiddes Zeylstra.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE JONGE WILLEM, kapt. G. van Medevoort.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip SUSANNA MARIA, kapt. Christoffel Spiegelberg.
Adres bij Hoyman en Schuurman. Sluit 30 september.
Suriname. Het Nederlandse gekoperde tweedeks barkschip SURINAME, kapt. Reinder van der Mey.
Adres bij Jan Corver en Co.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip DE HARMONIE, kapt. D. Spreeuw.
Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gekoperde tweedeks barkschip WILHELMINA EN MARIA, kapt. J.C. Atkes. Adres bij Hoyman en Schuurman en De Vries en Co. Sluit 25 september.
Suriname. Het gekoperde schoenerschip DE SNELHEID, kapt. Claus Wessels.
Adres bij Hoyman en Schuurman. Sluit 6 oktober.
Berbice. Het gekoperde schoener kofschip DIANA, kapt. Hendrik Wente.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. Pieter Simon Matzen.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE PLANTER, kapt. C.L. Adboll.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip MARIA, kapt. G. Wortelboer.
Adres bij Frederik Smit.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip JOHANNA OTTILIE, kapt. A.H. van Wijk.
Adres bij F. der Kinderen.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip DEBORA, kapt. R.S. Oldendorp.
Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
La Rochelle. Het Nederlandse kofschip HILLEGINA WILKENS, kapt. Jan J. de Jong.
Adres bij Jan Corver en Comp.
Lissabon. Het gekoperde Nederlandse sloepschip DE HOOP, kapt. K. Haasnoot.
Adres bij J. Daniels en Zoon en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. De Nederlandse kof ANNA MARIA, kapt. Kryn Hoek.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en de Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlandse kofschip DE ONDERNEMING, kapt. Geert Berends Flik.
Adres bij Van Ulphen en Ruys. Vertrek 30 september.
Triëst. Het Nederlandse kofschip LUKKINA MARGARETHA, kapt. H.S. Hoveling.
Adres bij Jan Corver en Co. Vertrekt vóór of op 6 oktober.
Triëst en Smirna. Het Nederlandse gekoperde brikschip HESPERUS, kapt. Peter Schackel. Adres bij Van den Bey en Comp., Nobel en Holzapffel en J. de Rooy. Vertrekt vóór of op 25 september op verbeurte der vracht.
Bremen. Het Nederlandse schip DE ZES GEBROEDERS, kapt. H.J. Waterborg.
Adres bij J.C. van Oven.
Danzig. Het Nederlandse kofschip GESINA, kapt. Anthonie Hendriks Bekkering.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Danzig. Het Nederlandse kofschip CATHARINA FREDERIKA, kapt. H.H. Duintjer.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon. Sluit 22 september.
Hamburg en Altona. Het schip DE VROUW NEELTJE, kapt. J.F. Kuypers.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip GEERTRUIDA, kapt. J.D. Mellema.
Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse schip DE VROUW REGINA, kapt. K.P. Kiviet.
Adres bij Blikman en Comp.
Hamburg en Altona. Het Nederlandse kofschip DE GOEDE VERWACHTING, kapt. T. Wynstok.
Adres bij J.C. van Oven.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip DE VROUW JANTINA, kapt. Okke J. Kuiper. Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip DE JONGE TJALLING, kapt. H.H. Mellema. Adres bij de wed. J. Salm en Meyer en H.A. Hespe.
Petersburg. Het Nederlandse kofschip JOHANNA HILLEGONDA, kapt. Jan Derks Flik.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer en H.A. Hespe.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, donderdag den 21 september. Men schrijft ons van Den Helder, d.d. 20 september: Heden zijn uitgezeild de schepen PALEMBANG (opm: fregat, bouwjaar 1836), kapt. G.L. van der Hucht aan boord hebbende 100 man koloniale troepen, gecommandeerd door de 1ste luitenant Van der Vlist en begeleid door de 2de luitenant Van Loenen en de officier van gezondheid der 2de klasse Van Oort; en de SARA EN BETSY (opm: eerste reis van dit fregat), kapitein F.P. Reinholdt, mede een gelijk aantal troepen aan boord hebbende, gecommandeerd door de 1ste luit. Veenhuizen, en begeleid door de 2de luitenant Leicher en de officier van gezondheid 3de klasse Dublin, beide bestemming hebbende naar de Oost-Indiën.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip HARMONIE, kapt. O. Norin (opm: waarschijnlijk buitenlander), met ijzer van Gefle naar New York is in de nacht tussen 25 en 26 augustus bij Gotland gestrand en de bootsman is daarbij verdronken, de overige equipage is gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Op 12 september lag te Liverpool zeilklaar R.H. Bok, ENGELINA, naar Rotterdam en op 13 september W.A. Bakker, NEPTUNUS, mede naar Rotterdam, en op 16 september te Hull, C.H. Kraanstuiver Jr, NEPTUNUS, en D. Ouwehand, de GOEDE VERWACHTING, naar Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris E.T. Kuiper, te Bolsward, zal publiek, bij strijk- en verhooggelden, aan de meestbiedende presenteren te verkopen: een welbezeild en zeer goed onderhouden Kofscheepje, groot 12 ton, varende in het veer van Makkum op de Lemmer en Joure vice versa, met zeil en treil, opstaand en lopend want, haken, bomen en verdere toebehoren, zodanig en invoege hetzelve thans door Cornelis Jans Bakker wordt gebruikt; terstond na de toewijzing vrij te aanvaarden. Wie hieraan gading maken, komen op maandag den 25 september 1837, des middags om 12 uren, in het Schippershuis te Makkum. (opm: zie LC 290937)


23 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 september. Den 20 dezer zeilden van Helvoetsluis JOHANNA, E. Bergman, naar Batavia, en arriveerde CONCORDIA, O.P. Smith, van Riga.
Den 21 dezer zeilde DOLPHYN, B.J. Bakker, naar Bergen; EENDRAGT, J.IJ. van der Zweep, MARY EN HILLEGONDA, D.A. de Jong, en ’s GRAVENHAGE, D.J. Bulsing, naar Batavia, doch zijn beide laaststen over het Pampus ten anker gekomen; LAMORAAL ULBO, N.A. Smaal, naar Brest, en arriveerde TWEE GEBROEDERS, H. Polter, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad).
Den 22 dezer zeilden HERSTELLING, A.H. Karsijns, naar Liverpool, en AURORA, C. Dingemans, naar Belfast.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 september. Den 20 dezer zeilden uit de Maas ONDERNEMING, H.A. Jongebloed, naar Stettin (opm: Szczecin); DIANA, R.H. Duit naar Bergen; KLAZINA EN DIRKJE, A. Schilperoord, naar St. Ubes (opm: Setubal), en WEBBINE, B.H. Kuiper, naar Cardiff. De wind O.Z.O.
Den 21 dezer arriveerde GOEDE HOOP, J.W. Wilkens, van Riga, en JANTJE, J.H. Schipper, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad).
Den 22 zeilde MARGINA, J.P. Boer, naar Maldon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 september. Den 22 zeilden uit Maassluis DANIEL EN MARIUS, J.R. Butter, naar Liverpool, NEÊRLANDS KONING, H. van Rossen, naar de Noord Zee, en FELIX, Z. Rening, naar Rostock.
AH 230937
Advertentie. J.E. Lublink, C.J. de Greys en J.A. Lublink, makelaars, zullen op maandag de 9e oktober 1837, 's avonds te 6 uur te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, verkopen een extra ordinair wel bezeild galjas-hoekerschip, genaamd DE VREDE, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapt. K. Zwanenburg; volgens Nederlandse meetbrief lang 18 ellen, 72 duimen; wijd 3 ellen, 96 duimen; hol 3 ellen, 4 duimen en alzo gemeten op 100 tonnen of 53 lasten. Breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 20 september. Heden zijn hier aangekomen de Nederlandse bark MERCURIUS, kapt. J.H. Seepe, de 8e mei vertrokken van Livorno, en het dito schip HOLLAND, kapt. J.H.M. Struben, met een aantal passagiers, de 15e april vertrokken van Amsterdam.


25 september 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Helvoetsluis, 22 september. Heden is van hier uitgezeild het schip EENDRAGT, kapt. J.Y. van der Zweep, met bestemming naar Batavia.
(opm: eerste reis)


26 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 24 september. Zijne Majesteit heeft, bij besluit van den 14 dezer, goedgekeurd het plan ener negotiatie ten behoeve van het Amsterdams Entrepôt-Dok, groot drie millioen guldens, des nodig geoordeeld wordende, bij uitbreiding later te vermeerderen mrt nog hoogstens vijfmaal honderd duizend gukldens, tot den interest van 4½ ten honderd ’s jaars, welke interest door Z.M. de Koning speciaal geguarandeerd wordt. Deze sommen zullen dienen tot meerdere uitbreiding van het genoemd Entrepôt-Dok, tot het daarstellen van een verbeterde toenadering voor zeeschepen van groot charter, tot het vermeerderen der pakhuisruimte en tot verbetering der gelegenheid voor Rijnschepen tot lossing en lading in hetzelve Dok, en eindelijk ook tot aflossing der bestaande geldlening à 5 per cent, groot per resto NLG 1.720.000.


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 25 september. Bij koninklijk besluit van den 15 dezer hebben de volgende bevorderingen onder het vaste corps zee-officieren plaats gehad als:
Tot luitenants ter zee van de 1e klasse, de luitenants ter zee van de 2e klasse N.J.C. van Voss, B. Durleu, P. Dibbetz, J.R. Combier, A.D. Kluyskens, J. Ebell en J.C. du Cloux.
Tot luitenants ter zee van de 2e klasse, de adelborsten der 1e klasse W.F.A. de Vries, P.F. du Pré, L.J. Fuchs, J.E. de Man, G.W. Remy, E.M.C. Baak, D.A. de Neyn van Hoogwerff, C.J. Wolterbeek, W.J. Quintus, C.L. Lapra, K.K. von Lübensels, P.C. Spoelstra, B.A. Thierry de Bye, J.H. Beelaerts, J. van der Hart en K.L. Woutersz.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Gedurende de maand augustus zijn door het Kanaal van Voorne 230 zeeschepen gevaren, te weten 164 te Hellevoetsluis binnengekomen en 66 uitgelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Den 22 dezer zeilde van Helvoetsluis ADMIRAAL ZOUTMAN, L. Heykoop, naar Batavia.
Den 24 dezer zeilden ADRIANUS EN JACOBUS, A. Plokker, naar Batavia, en MERWESTROOM, D.H. Hazewinkel, naar Bergen, en arriveerden HET ZEEPAARD, A.J. Bakker, van Drammen; VROUW NEELTJE, K. Parrel, van Nerva, en VIGILANT, S. Schroder, van Dantzig (opm: Gdansk).
Den 25 arriveerde HENDRIKA, H.J. Drewes, van Kiel, en F.J.C. DE GULDE KRONE, P.P. Luune, van Libau (opm: Liepaja).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Den 25 dezer arriveerde in Brielle GEZIENA, G.R. Oostra, van Libau (opm: Liepaja).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 september. Den 24 dezer zeilde van Maassluis ANNA CORNELIA, D.H. Daniels, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Commissarissen over het Vaderlandsch Fonds ter aanmoediging van ’s Lands Zeedienst, opgerigt in 1781, zullen op maandag den 2 oktober 1837, ten 10 ure, in de Kweekschool voor de Zeevaart te Amsterdam, en ten Huizen van de Commissarissen B.W. Van der Vlugt, te Haarlem, en N.M. Vink, in de Wijnstraat, wijk B, no. 130, te Rotterdam, betaling doen van de uit hun Weduwenfonds en, gemeenschappelijk met hetzelve, uit het Fonds ter aamoediging en ondersteuning van de Gewapende Dienst in de Nederlanden verleende Gratificatiën aan in de oorlog te water Verminkten en aan Weduwen, Kinderen en Ouders van Gesneuvelden, uit de Actiën van 1797, van Algiers, in Oost-Indië, op de Schelde, enz.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: smak) de VROUW ALIDA, kapt. T.D. Hund, van Hamburg naar Groningen, is de veertiende, en het schip de TWEE GEZUSTERS (opm: tjalk VIER GEZUSTERS), kapt. L.G. Dublinga, van Bremen naar Stettin (opm: Szczecin) op 15 september te Cuxhaven wegens tegenwind binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. H.D. Hazewinkel, van Bergen te Helvoet binnen, heeft op 16 september op 52º27’ N.B. 3º O.L, gepraaid de kof FREDERIKA (opm: FREDERICA), kapt. J. Barends, van Amsterdam naar Rochefort.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip SOPHIA, kapt. J.T. Roöms (opm: buitenlander), van Ostende naar Faro is na op Goodwin Sand het roer uitgestoten te hebben op 13 september bewesten Ramsgate gestrand.


 GRC - Groninger Courant

Den 15 september de Sont gepasseerd de VREDE (Groningen), J.J. Greeven van Dantzig naar Edam.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Harlingen binnengekomen: Den 17 september de galjasschepen DIE GÜTE BOTE, kapt. D. Möller, van Dantzig (opm: Gdansk) en HARMONIE, kapt. P. Permien, van Riga; de schoenerschepen FAME, kapt. W. Barfield, en FRIENDS, kapt. J. Manning, beide van Londen.
Den 18 dito het brikschip HABETS ANKER, kapt. C. Haagensen en het kofschip DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, beide van Noorwegen.
Den 21 dito de kofschepen HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, van Noorwegen en MINERVA, kapt. H.H. Albers, van Dantzig (opm: Gdansk).
Den 22 dito het kofschip WILHELMINA, kapt. R.K. Visser, van Noorwegen.
Van Harlingen uitgezeild: Den 17 september de schoenerschepen ORWELL, kapt. J. Hall, UNION, kapt. H.B. Disney en HOPE, kapt. W. Cousins, alle drie naar Londen; het kofschip DE VOLHARDING, kapt. E.T. Eekmeijer, naar Dundee.
Den 19 dito het kofschip ZELDENRUST, kapt. G.A. Jonkhoff, naar Noorwegen.
Den 20 dito het brikschip MARTHA HELENA, kapt. G. Larsen, naar Noorwegen; de kofschepen MERCURIUS, kapt. H.T. Visser, ANNEGINA, kapt. H.J. Zeven, beide naar Noorwegen, JOHANNES, kapt. A. Sluik Jr, naar Liverpool, ZEELUST, kapt. R. Sluik, naar de Oostzee; het smakschip DE JONGE HARM, kapt. J.G. Schrader, naar Noorwegen; het schoenerschip EUREDYCE, kapt. F. Lindberg, naar de Oostzee.
Den 21 dito de kofschepen DE HUNSE, kapt. H.S. Ketelaar en MAGRIETA, kapt. H.J. Veen, beide naar Noorwegen; het brikschip LOUISA, kapt. T. Raben, naar de Oostzee.
Den 23 dito het smakschip JETSKA CORNELIA, kapt. A.E. Vos, naar Noorwegen; de schoenerschepen FAME, kapt. W. Barfield en FRIENDS, kapt. J. Manning, beide naar Londen.


27 september 1837


  JC - Javasche Courant

Batavia, 26 september. Zr.Ms. fregat BELLONA, aan boord hebbende Z.K.H. Prins Hendrik, zal den 30 dezer de rede (opm: van Batavia) verlaten en zal op de tocht naar Bengalen wellicht Riouw en Singapore worden aangedaan, en mogelijk nog andere etablissementen, hetgeen afhankelijk is van omstandigheden. (opm: bekort)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 26 september. Wij vernemen van Soerabaija, dat de bark JULIA, gezagvoerder Walter, toebehorende aan de kooplieden Manuel & Preijer aldaar en bestemd om zout van Sumanep naar Samarang over te brengen, in de morgen van de 6e dezer op de klippen van Poeloe Lawak vastgeraakt is en kort daarna, ten gevolge van een zwaar lek, door de gezagvoerder en de opvarenden is moeten verlaten worden. Door de spoedig toegebrachte hulp van het plaatselijk bestuur te Sumanap en ook van zijne hoogheid de sultan aldaar, is het gelukt een groot gedeelte van de scheepsinventaris te redden.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 23 september. Heden is hier aangekomen de Nederlandse bark HERMINA, kapt. R. Limon, met een passagier, de 5e augustus vertrokken van China.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 24 september Heden is van hier naar China vertrokken de Nederlandse bark GRACE, thans genaamd MARGARET, kapt. C. Lindsted, met een passagier.


  LP - Le Précurseur (Antwerpen)

Ramsgate, 24 september. Hedenochtend tegen 8 uur is de Nederlandse brik PADANG (opm: bouwjaar 1813), kapitein G.A. Sandman, van het handelshuis Vanstroot (opm: B.W. van Straten) te Amsterdam, dat gisteren de 23e rond het middaguur met een bemanning van 13 koppen en 4 passagiers van Texel was vertrokken met bestemming Padang en Batavia, op de Goodwin Sands verdaagd, oostzuidoostelijk van Ramsgate. Het schip voer onder vol tuig en liep een vaart van 10 tot 12 knopen. De bemanning zat aan het ontbijt en de bootsman stond aan het roer. Om 8.15 uur waren de masten reeds gebroken; om 9 uur hadden zes boten de haven van Ramsgate verlaten en verscheidene andere hadden vanaf Deal zeil gezet om de brik hulp te bieden. De 2e stuurman, de luitenant en 5 mannen hebben het schip in twee vaartuigen verlaten. Hier is hun lot nog onbekend, maar men vreest dat er in de branding slachtoffers gevallen zijn. (opm: zie RC 300937, PGC 031037 en JC 310138)


28 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 26 september. De na te melden bodems, welke tot het exercitie-smaldeel hebben behoord, hebben de volgende bestemming gekregen: het geraseerde (opm: van masten en tuig ontdaan) fregat ALGIERS, onder bevel van de kapitein ter zee Machielsen, en de brik PEGASUS, onder bevel van de luitenant-ter-zee Boelen, naar de West-Indië, en de corvetten HIPPOMENES en TRITON, respectievelijk onder de bevelen van de kapiteins-luitenant-ter-zee Moll en A.C. Edeling, naar de Oost-Indië.
De gebouwen welke binnen het maritiem etablissement te Willemsoord, in het midden der daarvoor geschikte vlakten, ter wederzijde van de grote maritieme zeedoksluis, zullen worden opgebouwd, zijn bepaaldelijk bestemd om te dienen, het een tot een kazerne voor het detachement mariniers, en het ander tot een hospitaal, gezamenlijk voor zieke militairen van dat corps en voor zieke schepelingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Heden is te Scheveningen de eerste steurharing aangebragt met de pink DE JONGE GUURTJE, toebehorende aan de reder H. van Duine. Deze pink had 15.000 stuks haringen aan boord.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Heden is te Dordrecht, van de werf de Merwede, van de scheepsbouwmeesters C. Gips en Zoonen, met het beste gevolg te water gelopen het door hen voor rekening van de Heren Voute & Comp. te Amsterdam gebouwde fregatschip ELISABETH ANTHONIA, groot circa 500 lasten, en is onmiddellijk daarna op voornoemde werf de kiel gelegd voor een schip van gelijke grootte.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Den 25 dezer arriveerden in Helvoetsluis ANNA MARGARETHA, J. Bradhering, van Riga, ZORG EN VLIJT, E. Berghuis van Liverpool, en CONCORDIA, J.J. Kwakenburg, van Bergen.
Den 26 zeilden JONGE JAN, T.B. Teunissen, en de MAAS, P. Bakema, naar Liverpool, en JOHANNA GEZIENA, J. Braune, naar Stettin (opm: Szczecin).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. Den 26 dezer zeilde van Maassluis ANNA CATHARINA, O. Herewink, naar Drammen.
Den 27 dezer zeilde EENDRAGT, H.H. Drent, naar Bremen. De wind N.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. De schoenerkof de JONGE MARIA, kapt. J.E. van Hogerhuizen, van Amsterdam naar New-Orleans, is den 17 dezer, aan boord alles wel zijnde, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gepraaid door de Texelse loodsschipper J.P. Kuiper, voerende de loodsschuit no. 3.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 september. De schepen de DRIE MARIA’S, kapt. J. Glazener, van Rotterdam, en PAULINA, kapt. L.M. Hoffman, van Middelburg, beide naar Batavia, te Deal binnen, hebben hun reizen voortgezet, het eerste den 19 en het laatste den 20 dezer.


29 september 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris E.T. Kuiper, te Bolsward, zal op maandag den 2 oktober 1837, des middags te 12 uren, in het Schippershuis te Makkum, finaal verkopen: een welbezeild en zeer goed onderhouden Kofscheepje, groot 12 ton, varende in het veer van Makkum op de Lemmer en Joure vice versa, met zeil en treil, opstaand en lopend want, haken, bomen en verdere toebehoren, laatst door Cornelis Jans Bakker gebruikt; terstond na de toewijzing vrij te aanvaarden; waarop geboden is NLG 500. (opm: zie LC 220937)


30 september 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Den 28 dezer zeilden uit de Maas ALIDA EN LUCAS, H.K. Rentes, naar Stettin (opm: Szczecin), en DE HOOP, A.L. de Vries, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Den 28 dezer zeilde van Maassluis ELIZABETH, G. Pybus, naar Broness (opm: waarschijnlijk wordt Bo’ness bedoeld); KLEINE ENGELINA, B.C. Roskamp, en TWEE GEBROEDERS, H.H. Ruter, naar Rostock.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Den 29 arriveerde te Helvoetsluis ALIDA KLAZINA, K.E. Tiktak, van Drammen, en zeilden ALIDA GIEZEN, J.J. Zelling, naar Cardiff; JOHANNA GEZINA. J. Brauw, naar Stettin (opm: Szczecin), en STRAAT SUNDA, G. Mulder, naar Batavia.
De wind O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Den 21 dezer is bij het oosteinde van Terschelling gestrand het Deense jacht ST. PETER, kapt. P.P. Jurgensen, komende van Stettin (opm: Szczecin) met raapzaad, gedestineerd naar Zaandam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 26 dezer.
Men schrijft van Ramsgate, van den 26 dezer, dat de PADANG (opm: brik, kapt. G.A. Sandman), van Amsterdam naar Batavia gedestineerd, die morgen op de Goodwin Sands was verongelukt, waarbij de opper-stuurman en twee man der equipagie zijn omgekomen, terwijl slechts een klein gedeelte der lading behouden is. (opm: zie ook LP 270937, PGC 031037 en JC 310138)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op maandag den 2 oktober 1837, des voormiddags ten half elf ure, in het logement het Curaçaosche Jacht, aan de Steiger, te Rotterdam, ten overstaan van de Heer Griffier der Regtbank van Koophandel te Rotterdam, van een partij van 48 lasten meer en min beschadigde witbonte tarwe, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) aangebragt per het schip de TWEE GEBROEDERS, kapt. H.J. Polter.
Adres ten Kantoren van Noordwijns & Zoon & Schadee en Wm. & Alb. Smalt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op maandag den 2 oktober 1837, des voormiddags ten half elf ure, in het logement het Curaçaosche Jacht, aan de Steiger, te Rotterdam, ten overstaan van de Heer Griffier der Regtbank van Koophandel te Rotterdam, van 44 lasten lijnzaad, meer of minder beschadigd van Pernau (opm: Pärnu) aangebragt per het schip de JONGE TJARK GIESE (opm: JONGE TJARK GIEZEN), kapitein Lucas T. Sok.
Adres ten Kantoren van Mensing en De Kuyper en Wm. & Alb. Smalt.


02 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Naar Batavia zal in het laatst van de maand oktober vertrekken, het nieuw gebouwd gekoperd tweedeks fregatschip NASSAU, kapt. E. Visser, zijnde voorzien van een scheepsdokter; diegenen welke goederen te laden hebben, of als passagier van de bijzonder wel ingerichte kajuit gebruik wensen te maken, gelieven zich te adresseren bij de cargadoors Hoyman en Schuurman, Heerengracht over de Bergstraat No. 379.
(opm: eerste reis nieuw schip)


03 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 oktober. Den 29 passato (opm: verleden [maand]) zeilde van Helvoetsluis VENILIA, R.J. Kranenburg, naar St. Ubes (opm: Setubal), en arriveerde Zr.Ms. transportschip DORDRECHT, kapitein-luitenant-ter-zee Koops, van Texel.
Den 30 passato arriveerden HILLECHINA, H.H. Brakke, VRIENDSCHAP, R.R. Sap, en IDA BERENDINA, W.L. Hansen, van Bergen.
Den 1 dezer zeilden VOORWAARTS, G. Don, naar Suriname, en JOHANNA MARIA, W.K. de Groot, naar Riga. De wind O.Z.O. en Z.O.
Den 1 dezer arriveerden WILLEMINA LAURENTIA, J.J. Swart, van Bergen, en ELIZA, P.E. Ahrens, van Archangel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 oktober. Den 29 passato arriveerden te Maassluis VERWISSELING, K. den Boer, no. 1 van de haring-reederij, J. van Rossen, ALGEMEEN BELANG, J. Warnaar en no.4 van de haring-reederij, D. van Gent, van de Noord Zee.
Den 1 dezer arriveerde no. 5 van de haring-reederij, J. Firet, en zeilde DIANA, J. Albers, naar Dantzig (opm: Gdansk).
Den 4 dezer zeilde HARMONIE, H.L. Veen, naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Op 20 september lagen te Liverpool zeilklaar C.H. Brahms, CATHARINA (opm: waarschijnlijk buitenlander), naar Amsterdam en J.H. Potjer, de JUFFER FRESINA (opm: kof), naar Dordrecht en op 21 september J.G. Postema, GEZINA (opm: kof GESINA), naar Rotterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip CAROLINA, kapt. F.H. Bonjer, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam is te Cuxhaven binnengelopen, doch heeft 20 september de reis voortgezet.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen de VROUW ALIDA, kapt. T.D. Hund, van Hamburg naar Groningen en de VIER GEZUSTERS, kapt. L.G. Dublinga van Bremen naar Stettin, beide te Cuxhaven binnen, hebben op 20 september de reis vervolgd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip IKINA WILHELMINA (opm: kof IKINA WILMINA), kapt. S.J. Vegter, met raapzaad van Dantzig (opm: Gdansk) naar de Zaan is op 20 september op het Gedser rif aan de grond geraakt, doch met hulp zonder schade weder vlot geworden en sedert te Rendsburg aangekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip GERMANIA, kapt. P.H. Decker (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Hamburg naar de Kaap-Verdische eilanden was op 20 september ter hoogte van Bevesier.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Uit Ramsgate d.d 24 september wordt gemeld: Hedenmorgen omstreeks 8 uur is de Hollandse brik PADANG, kapt. G.A. Sandman, varende voor het huis B.W. van Straten, van Amsterdam, gister 23 september de rede van Texel verlaten hebbende, om naar Padang en Batavia te stevenen, met 13 man equipage en 4 passagiers, op de Goodwin Sand, in het Zuidoosten een kwart mijl van Ramsgate gestrand. Deze bodem had alle zeilen bij en legde 10 à 12 knopen af. De equipage was aan het ontbijt en de equipagemeester stond aan het roer. Te kwart over acht waren alle masten gekapt, te 9 uur waren uit Ramsgate 6 sloepen en een menigte anderen uit Deal aangevaren om de brik te hulp te komen.
De eerste en de tweede stuurman met vijf matrozen hebben in twee sloepen het schip verlaten, tot dusverre is men onkundig van hun lot, men geloofde dat zij in de branding waren omgekomen. Te 10 uur bevonden zich verscheidene sloepen bij het gestrande schip, maar de zee was vreselijk onstuimig.
De sloep van Thomas King van Ramsgate heeft de kapitein, 4 matrozen, 2 passagiers (mejuffrouwen Caroline Doulemans en haar zuster uit ‘s-Gravenhage), een klein kind van 4 à 5 jaren en een mulattin dienstbode gered. Te 11 uur lagen reeds 16 sloepen rondom het schip voor anker, het eerst gunstige ogenblik af te wachten om aan boord te klimmen ten einde een gedeelte van de lading te redden.
De sloepschipper Thomas King is te kwart voor twee in het bijzijn van meer dan 3000 mensen in de haven van Ramsgate aangekomen. Een rijtuig bracht de passagiers naar een logement, waar hun alle mogelijke zorg is gegeven. Aangezien het scheepsvolk niets van deszelfs goederen heeft kunnen redden, deed men een collecte die in een uur tijds een belangrijke som opbracht, waaronder zelfs guinjes (opm: guinea, Engels gouden muntstuk ter waarde van 21 shilling) werden opgemerkt. Dit doet onze ingezetenen eer aan.
Morgen zal ik alle verdere bizonderheden meedelen, welke de kapitein of de passagiers mij kunnen geven, uit wier mond ook het bovenstaande is opgeschreven.
P.S. Te 5 uur s' avonds. Zo even verneem ik, dat ten gevolge van de dringende bede van de kapitein, de tweede stuurman P. Halwick in de grote sloep het schip heeft verlaten, om de passagiers te redden, hetwelk hij echter weigerde, uit hoofde van dreigend gevaar. De zorg en de moed van de kapitein verdienen alle lof. De juffrouwen Doulemans die naar hun familie in Oost-Indië onderweg waren, zijn in een hartverscheurende staat aan land gegaan. De Nederlandse Consul, de heer Hodges had reeds aan al de geredden nieuwe kleren gegeven en door zijn toedoen is een inschrijving geopend.
De assuradeurs kunnen het schip als geheel verloren beschouwen.
Verder schrijft men uit Ramsgate d.d. 25 september: van de brik PADANG is geen spoor meer te zien, zij is gedurende de nacht geheel verbrijzeld.
Gisteravond omstreeks licht en donker zijn al de van Ramsgate naar het schip uitgevaren sloepen in de haven teruggekeerd en hebben in de handen der Tol administratie (opm: douane), de volgende goederen ontscheept: 90 à 100 kisten van 12 flessen ieder, No 10 en 13, twee stukken gedestilleerd, 80 kazen en dozen groene kaas. 350 à 400 stukken witte katoenen lijnwaden, ettelijke gerookte hammen, verscheidene voorwerpen der scheepsuitrusting, als chronometer, sextant enz, een zak piasters, een eind kabeltouw van 3 vademen, enige ponden koper, voortkomende van de scheepsbekleding.
De in Deal teruggekeerde schuiten zullen waarschijnlijk mede enige goederen hebben aangebracht.
Van de acht personen, die het schip verlaten hadden is het aan drie gelukt zich naar Deal te redden, Hun namen zijn nog niet bekend. De PADANG had voor NLG 13.000 niet- geassuradeerde goederen aan boord.
Van Douvres (opm: Dover) schrijft men dat aldaar een grote menigte kisten is ontscheept, zo men meent van de PADANG voortkomende. (opm: zie ook LP 270937, RC 300937 en JC 310138)


  LC - Leeuwarder Courant

Voor de scheepvaart: De Grietman van Lemsterland maakt aan belanghebbenden bekend, dat de zeesluis in de Lemmer, een herstelling vorderende, op den 15 november e.k. geheel afgedamd en voor de scheepvaart, tot nadere bekendmaking toe, gesloten zal zijn.
Lemmer, den 2 oktober 1837. De Grietman voornoemd, W. van Andringa de Kempenaer.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Harlingen binnengekomen: Den 23 september het tjalkschip ENGELINA, kapt. A.J. Vlaskamp, van Noorwegen.
Den 24 dito de smakschepen VRIENDSCHAP, kapt. A.T. Rasker, van Noorwegen en ANNEGINA, kapt. E.S. van der Wijk, van Dantzig (opm: Gdansk); het kofschip ARENDINA, kapt. H.D. de Groot, van Noorwegen.
Den 25 dito de kofschepen IJPEUS, kapt. H. de Weerd Jr, JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, WILLEM, kapt. H.W. Kiers, DE JONGE DIRK, kapt. H.E. Vos en AUGUSTA CATHINCA, kapt. L. Dreijer, alle vijf van Noorwegen.
Den 26 dito het schoenerschip LUKKENS PRÖVE, kapt. H. Sundby, van Noorwegen; de kofschepen DE JONGE WICHER, kapt. H.W. Bontekoe, ELISABETH MARIA, kapt. J.A. Keun, DE VROUW ANTJE, kapt. K.D. de Grooth en DE VROUW JANTINA, kapt. H.H. de Weerd, alle vier van Noorwegen.
Den 27 dito de kofschepen DE GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, MARIA BARBARA, kapt. D. Meesman, DE JONGE DIRK, kapt. W.H. Mulder, en GEZINA, kapt. B.A. Visser, alle vier van Noorwegen; het brikschip WILHELM FRIDERICH, kapt. S.A. Parr, van Noorwegen
Den 28 dito het kofschip DE JONGE ANNA, kapt. H.J. Hubert, van Noorwegen
Den 29 dito het kofschip CONCORDIA, kapt. H.B. Drok, van Noorwegen.
Den 30 dito de schoenerschepen HARMONY, kapt. N. Robin, van Newcastle; FLORA, kapt. J. Manning en ORWELL, kapt. J. Hall, beide van Londen; het smakschip DE VROUW ELISABETH, kapt. H.J. Cappen, van Noorwegen.
Uitgezeild: Den 28 september de kofschepen DE VROUW JOHANNA, kapt. J.L. de Vries, op avontuur, de HOUTHANDEL, kapt. D.K. de Groot, naar Noorwegen en JOSINA WILHELMINA, kapt. J.C. van der Veer, op avontuur; het brikschip HAABETS ANKER, kapt. C. Haagensen, naar Noorwegen; het smakschip VRIENDSCHAP, kapt. A.F. Rasker, naar Noorwegen.
Den 29 dito de galjasschepen DIE GÜTE BOTE, kapt. D. Möller, en HARMONIE, kapt. P. Permien, beide naar de Oostzee; het kofschip DRIE GEZUSTERS, kapt. P.P. Dijkstra, naar Liverpool.
Den 30 dito het schoenerschip LIVELY, kapt. S. Finch, naar Londen; de kofschepen ARENDINA, kapt. H.D. de Groot en HERMANNA, kapt. R.W. Lukens, beide naar Noorwegen. (opm: waarschijnlijk was dit de laatste reis van de HERMANNA onder kapt. Roelf Wolters Lukens en ging de kof na de winterlaag niet meer in de vaart; in mei 1838 werd de zeebrief geretourneerd ‘zullende het schip worden gesloopt’)


04 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Liverpool, 29 september. Binnengekomen FREDERICA (opm: Belgische schoenerkof), kapt. Van den Kerckhove, van Oostende.


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoop van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 2 oktober 1837: het Nederlands gekoperd kofschip de JONGE EVERT, kapt. B.J. Wijgers: NLG 7.850, in slag NLG 1.500. Koper J.H.A. Balwé (opm: een makelaar namens Harmens & Zonen, Harlingen, nieuwe naam NEPTUNUS, nieuwe kapitein K.D. de Jong)


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In de loop dezer maand zal op een nader te bepalen dag te Soerabaija publiek worden geveild het Nederlands-Indisch schip ESPERANCE, met deszelfs inventaris zo als hetzelve ter rede aldaar is liggende, ladende deze bodem circa 300 koijangs. Informatiën te bekomen bij de heren Manuel & Preijer te Soerabaija.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 2 oktober. De 29e september is hier aangekomen de Nederlandse bark de HOOP VAN ALBLASSERDAM, kapt. F.W.E. Schuchard, de 7e juni vertrokken van Rotterdam.
De 1e oktober is hier aangekomen de dito bark WIJNHANDEL, kapt. M.M. Versluijs, met twee passagiers, de 25e mei vertrokken van Rotterdam.
Heden zijn hier aangekomen het dito schip BATAVIA, kapt. J.A. Pronk, met elf passagiers, de 8e juni vertrokken van Rotterdam, het dito schip JOHANNA CORNELIA, kapt. H.T. Horneman, de 7e juni vertrokken van Rotterdam, het dito schip STAD ROTTERDAM,kapt. C. Poort, de 25e mei vertrokken van Rotterdam, het dito schip HENRIETTE HENRI, kapt. K. Spiegelberg, met enige passagiers, de 4e mei vertrokken van Amsterdam, en de dito brik PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN, kapt. A. van den Abeele, de 12e juni vertrokken van New York.


05 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 oktober. Den 2 dezer arriveerden te Helvoetsluis de HOOP, J. Butijn, van Newcastle; ZEEMEEUW, D. Noordhoek, van Lissabon en HERSTELLING, H. Potjer, van Bergen.
Den 3 dezer arriveerden FORTUNA, L. Berkhoff, van Nantes, en NEÊRLANDS KROONPRINS, J. van der Meyde, van Riga.
Den 4 dezer arriveerde HET VERTROUWEN, B.J. Bakker, van Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 oktober. Den 2 dezer arriveerde in de Maas VROUW IKINA, G.J. Postema, van Bergen, en ALIDA, G.E. Jonker, van Libau (opm: Liepaja).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 oktober. Het schip DOROTHEA, kapt. E.D. Dekker, van Amsterdam naar Batavia, was den 23 september op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point).


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.E. Lublink, C.J. de Grijs en J.A. Lublink, makelaars, zullen op maandag den 9 oktober 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, ten overstaan van een daartoe bevoegde beambte, verkopen: een extraordinair welbezeild Galjas-Hoekerschip, genaamd de VREDE, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapitein K. Zwanenburg, volgens Nederlandse meetbrief lang 18 ellen 72 duimen, wijd 3 ellen 96 duimen, hol 3 ellen 4 duimen, en alzo gemeten op 100 tonnen of 53 lasten; breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.


06 oktober 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: kof) CATHARINA, kapt. H.G. van Dam, van Riga naar Bayonne is op 10 september te Romsvigen binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: fregat) HELENA CHRISTINA, kapt. B.J. Martens, van Rotterdam naar Batavia, was de negentiende op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris Kaempff, residerende te Blokzijl, zal, als daartoe lasthebbende van zijne principalen, ten overstaan van het Vredegerecht des kantons Vollenhove, op maandag den 16 oktober 1837, doen inzetten en drie weken daarna, op den 6 november, des avonds ten zes ure, ten huize van J. Visser, logementhouder te Blokzijl, finaal verkopen:
1. Het van ouds gerenommeerde logement en stalling, het Schippers Veerhuis genaamd, staande op de Zeedijk te Blokzijl, voorzien van onderscheidene zo boven- als beneden kamers, keukens, kelders en ruime zolders…….et cetera…..
5. Een hecht getimmerd en zeer goed onderhouden Veerschip, varende in het veer van Blokzijl op Amsterdam, groot circa 70 ton, met een stel geheel nieuwe zeilen, uitmuntende ankers, kabels, touwen, bomen, haken en wat verder daarbij en aanbehoort…..et cetera…..
Zullende de gebouwen alle werkdagen, het schip alle maandagen en de roerende goederen twee dagen voor de verkoop te zien zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Notaris G.T. de Jongh, te Gorredijk, gedenkt, op woensdag den 18 oktober 1837, des namiddags om 5 uren, ten huize van Hendrik Teijes Jager, kastelein aldaar, publiek, met uitloving van strijk- en verhooggeld, te verkopen: de gerechte één vierde, van een geoctroijeerd nieuw Veerschip, varende van Gorredijk op Sneek et vice versa, met zeil en treil, staand en lopend want, touwen, haken, bomen en verdere scheepsgoederen daarbij behorende.


07 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 oktober. Woensdag (opm: 4 oktober) is te Amsterdam met goed gevolg van stapel gelopen het voor eigen rekening nieuw gebouwde brikschip DE VERWACHTING, gebouwd door de scheepsbouwmeesters F. Baay en Zoon, op de werf de Raave, in de Groote Wittenburgerstraat. (opm: de brik kwam in 1839 in de vaart als ANNA EN SUSANNA)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 oktober. Den 4 dezer arriveerden te Helvoetsluis JUFFER FRESINE, J.H. Potjer, en NEPTUNES, W.A. Bakker, van Liverpool; ZOAL, R. Bouman, van Newcastle, en VROUW JOHANNA, S. Post, van St. Ubes (opm: Setubal).
Den 5 dezer arriveerden GEZIENA, J.G. Postema, van Liverpool; JANTINA, H.C. de Groot, van Oleron; ENGELINA, R.H. Bok, van Liverpool; THETIS, J.F. Gall, van Archangel; CORNELIUS STAR, P.T. Kramer, en ONDERNEMING, G. Ditmers, van Marennes, en zeilde Zr.Ms. stoomboot PHOENIX, kapitein-luitenant-ter-zee Le Jeune. De wind W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 oktober. Den 6 dezer zeilde van Maassluis CORNELIUS DASSE VIËTOR, H.H. Bosker, naar … (opm: niet vermeld), en ALBERTINE, G. Venema, naar Hamburg.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 oktober. Kapt. L. Berkhoff, van Nantes te Helvoetsluis binnen, rapporteert, den 23 september, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), gepasseerd te zijn een schip tonende de Rotterdamse nommervlag 47, zijnde die van kapt. D.J. Bulsing, voerende het schip ’s GRAVENHAGE, alsmede een schip tonende een signaal-vlag dubbel blaauwgeel, zijnde waarschijnlijk kapitein Van der Zweep, beide naar Batavia bestemd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, op maandag den 9 oktober 1837, des voormiddags ten half elf ure, in het Logement het Curaçaosche Jacht, aan de Steiger, ten overstaan van Mijnheer de Griffier der Regtbank van Koophandel te Rotterdam, van een partij van circa 55 last tarwe en circa 1 last Herk- of Koolzaad, min of meer beschadigd aangebragt per het schip JANTJE, kapitein J.H.. Schipper, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), liggende in lichters.
Nadere onderrigting ten Kantoren van Wm. & Alb. Smalt en Noordwijns & Zoon & Schadee.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 5 oktober. De 3e dezer is hier aangekomen het Nederlandse schip PETRUS, kapt. F.H. Trip, met een passagiers, de 16e juni vertrokken van Amsterdam.
Heden is hier aangekomen het dito schip KORTENAER, kapt. A. Glazener, met twee passagiers, de 9e juli vertrokken van Rotterdam.


09 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Te koop een hechte en wel vertimmerde, ook op het best en gemakkelijkst ingerichte stoomboot, met twee machines, elk van 10 paardenkracht en 2 stoomketels, voorzien van een complete inventaris, eerst kortelings zodanig nagezien en gearrangeerd, dat dezelve op elk te verkiezen uur en vaart kan gezet worden. Hetzelve is bijna nieuw, weinig gebruikt en in Engeland in een van de beste fabrieken gebouwd.
Door plaatselijke omstandigheden zal dezelve voor een civiele prijs verkocht worden.
Ter bekoming van nadere inlichting gelieve men zich te vervoegen bij de heren W.H. Zimmerman, makelaar te Amsterdam, of bij de heren J. Felix & Comp. te Leiden. Brieven verzoeke franco.


10 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Den 6 dezer arriveerden te Helvoetsluis MARIA, J.F. Brouwer, van Marseille; DE HOOP, L. Storm, van Lissabon, en VROUW JANTINA, J.E. Scherpbier, van Londen.
Den 7 dezer arriveerden MADURA, B.C. ten Ham, van Batavia; MAASNYMPH, J.T. Verschuur, van Wymess en YPRESS, P. Dunk, van Londen.
Den 8 dezer arriveerden HENDRIKUS, J.H. Wildeman, van Livorno; VRIENDSCHAP, K.H. Bakker, van Nerva; AURORA, H. Niemann, van Riga, en VROUW FEMMEGINA, N.K. Braam, van Marennes.
Den 9 dezer arriveerden JACOBINA EN BARBARA, K.Z. Schut, van New-York, en FLORA, D. Rooderkerk, van Triëst.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Volgens brief, de dato 24 september, van kapt. B.J. Martens, voerende het schip HELENA CHRISTINA, den 7 dito uit Helvoetsluis naar Batavia gezeild, was hij, na in het oostelijk gedeelte van het Kanaal zwaar weder te hebben doorgestaan, toen tot in 45º N.B. 10º30’ W.L. van Greenwich gekomen zonder ergens binnen geweest of geankerd te hebben, en dus is de opgave in de Lloydslijst van het binnenlopen der HELENA CHRISTINA in Deal foutief geweest.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. stoomschip PHOENIX, kapitein-luitenant-ter-zee Le Jeune, van Helvoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Het schip (opm: kof) ANNA, G.S. Vegter, van Newport naar Amsterdam, te Falmouth binnen, heeft den 1 dezer de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Het schip de HARMONIE, kapt. A.S. Galle (opm: thuishaven Rostock), van New-York naar Alexandria (opm: V.S, Virginia), om een lading tabak voor Amsterdam in te nemen, is, volgens brief van New-York van den 23 augustus, den 15 dito, 50 mijlen bezuiden de Kapen, aan de grond gedreven, doch zou waarschijnlijk weder afgebragt worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 9 oktober. Wegens lekkagie is zinkende geraakt, doch door behulp der equipagie van de loodsboot op de rede van Vlissingen liggende, even boven die stad op strand gezet de pleyt FORTUNA, schipper J. Govaerts (opm: thuishaven Brussel), van Antwerpen met suiker naar Bremen; van de lading was, door het toenemen der lekkagie, weinig of niets geborgen kunnen worden.


  AH - Algemeen Handelsblad

Rio de Janeiro, 8 augustus. Aangekomen HENRY EN WILLEM, B.P. Martens van Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen (opm: koffen) LIBRA, kapt. G.R. Engelsman, van Petersburg naar Amsterdam, en de IKINA WILMINA, kapt. S.J. Vegter, van Dantzig (opm: Gdansk) naar de Zaan zijn volgens particulier bericht op 5 oktober in het Vlie binnengekomen.


 GRC - Groninger Courant

Den 1 oktober de Sont gepasseerd VROUW JACOBA (opm: kof), H.R. Grimminga, van Riga naar Calais


11 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoop van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 9 oktober 1837:
het welbezeild Nederlands galjas-hoekerschip de VREDE, kapt. C. Zwanenburg: NLG 2.900, in slag NLG 80. Opgehouden. (opm: na de veiling is de VREEDE alsnog verkocht aan Stuerman & Co, Amsterdam; kapitein Zwanenburg bleef aan boord van de nu SNELLE ZEEPOST)


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In het laatst dezer maand, de dag en plaats nader te bepalen, zal door de ondergetekende voor rekening van de assuradeurs publiek verkocht worden het Nederlands-Indisch barkschip BATAVIA, groot 228 lasten, laatst gevoerd door kapt. King, met deszelfs welvoorziene inventaris. Het schip ligt ter rede voor een ieder te bezichtigen, alsmede de inventarislijst ten kantore van Paine, Stricker & Co.
(opm: zie JC 211037 en 111137)


  JC - Javasche Courant

Advertentie. In de loop dezer maand, de dag en plaats nader te bepalen, zal publiek worden verkocht het ⅓ aandeel in het Nederlands-Indisch schip GENERAAL CHASSÉ, gevoerd door J. Smith, zijnde deze bodem groot circa 150 lasten, en kunnende dagelijks alhier ter rede verwacht worden. Deze verkoop zal plaats hebben voor rekening van de boedel van wijlen de heer W. Fitz Paine, door de testamentaire executeur,
Batavia, 10 oktober 1837, Chs. Stricker
(opm: zie JC 181037)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 7 oktober. Gisteren is hier aangekomen het Nederlandse schip CANTON, kapt. D.G. Niesen, met een passagier, de 9e juli vertrokken van Rotterdam.
Heden zijn hier aangekomen de dito brik ONDERNEMING, kapt. R. Dekker, de 19e mei vertrokken van Amsterdam, en de dito bark NEDERLANDSCHE NIJVERHEID, kapt. H.G. Pott, de 20e juni vertrokken van New York.


12 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 oktober. Den 10 dezer arriveerde te Helvoetsluis ONDERNEMING, J. Engelenberg, van Riga.
Den 11 dezer zeilde ANTHONY, E.H. Mugge, naar Firth of Forth, en arriveerde ZEELUST, D.J. Mik, van New-York.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 oktober. Den 11 dezer zeilden van Maassluis de HOOP, B.H. Gust, naar Bremen; CONCORDIA, O.P. Smit, en CORNELIUS DASSE VIËTOR, H.H. Bosker, naar … (opm: niet vermeld), ROELINA, J.H. Bolhuis, en JONGE TJARK GIEZEN, L.F. Sok, naar Cardiff, ROELINA JELTINA, D.H. Puister, naar St. Martin en VROUW HENRIETTE, H.F. Klie, naar Belfast. De wind Z.W.


13 oktober 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

’s Gravenhage, 9 oktober. In een brief uit Havre meldt men dat de stoomboot ROTTERDAM (opm: Franse vlag), bij haar laatste reis, aldaar wederom een twintigtal stuks Hollands hoornvee heeft aangebracht en dat over het geheel de aanvoer van vreemd hoornvee tot voorziening der Franse markten, zowel uit Rotterdam als uit Hamburg en Engeland, in september van dit jaar zeer aanzienlijk is geweest.


  LC - Leeuwarder Courant

Bericht aan de scheepvaart: Aan de belanghebbenden wordt bij dezen bekend gemaakt, dat van heden af, de doorvaart aan de Kiestrazijl, op de Harlinger Trekvaart, bewesten Franeker, plaats heeft door de aldaar nieuw gebouwde sluis, en wel door de Noorder Koker, terwijl voor die schepen, welke van bovenlasten zijn voorzien, gebruik kan worden gemaakt van de Middenkoker, onder bepaling, dat men tijdig waarschuwe of roepe, om de brug te kunnen afdraaijen, en waarop men vooral bij nacht bedacht zij, zijnde het echter verboden, om met staande zeilen door te varen.
Leeuwarden, den 12 oktober 1837
De Staatsraad Gouverneur van Vriesland, Van Zuijlen van Nijevelt


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: sterk en welbezeild Veerscheepje met een brillante inventaris, groot 12 ton. Te bevragen bij R. van Althuis, te Makkum.


14 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. In de Javasche Couranten tot den 21 juni vindt men het volgende:
Z.K.H. prins Willem Frederik Hendrik is den 4 dezer in goede welstand uit de Molukko’s teruggekeerd. Hoogstdezelve was van Amboina naar Banda gestevend en meende van daar ook Saparoea aan te doen, doch stilte en westelijke winden hebben van dat plan doen afzien; de koers werd derhalve op Sourabaya gesteld, en Zr.Ms. fregat BELLONA kwam in de nabijheid aldaar den 4den voor Oedjong Panka ten anker, ten einde met de eerste goede wind verder op naar Soerabaya te zeilen, alwaar het in de namiddag van den 7 ter rede is aangekomen.
Op het door Z.K.H. te kennen gegeven verlangen, om de volgende dag ten 8 ure te debarkeren, begaf zich in de ochtend van die dag naar boord van het fregat een commissie, bestaande uit de hoogste civiele en militaire autoriteiten, waaronder de zich te Soerabaya bevindende kapitein ter zee, commandant van Zr.Ms. auxiliair eskader, om Z.K.H. met Hoogstdeszelfs gelukkige aankomst te complimenteren en vervolgens naar wal te begeleiden. Enige ogenblikken daarna vertrok de prins van boord, vergezeld door de commissie, onder het lossen van het geschut van de verschillende ter rede liggende oorlogs- en koopvaardijschepen en van het fort Kalimaas. (opm: bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Batavia lagen ter rede Zr.Ms. brik ORESTES, Nederlandse schepen TWEE CORNELISSEN, MEDORA en MARZOEK, brikken CHARLOTTA, INDRAMAYOE, GOANLIE en PATRIOT, barken KALIMAAS, ZEELUST, REMBANG, ZEPHYR en CATHARINA schoeners INVENTIO en HONG GOAN, Amerikaans schip AZIA, Engels schip HENRY,
Chinese jonken JIETHIENG, KIM INGHING en LIM SOENSING.
Te Batavia zijn gearriveerd de Nederlandse schepen VROUW HENDRIKA en NEÊRLANDS-INDIË van Amsterdam, WELTEVREDEN, de JONGE ADRIANA en NICKERIE van Rotterdam.
Ter rede van Soerabaya lagen Zr.Ms. fregatten DIANA en BELLONA, corvet ZWALUW, stoomschip HEKLA, brikken SNELHEID en SIWA, schoeners JANUS en CASTOR, kanonneerboten no. 14 en 15, Nederlandse schepen SINGAPOERA, GRACE, JULIA, FLEVO, CLAUDIUS CIVILIS CHERIBON PACKET, ZEEMEEUW, JOHANNA SUSANNA en JUDOOL RACHMAN, brikken PESISIER BORNEO, ALYDA, SUSANNA DOROTHEA, ONDERNEMER en ALIE OESOOR, barken SEGAF, MANOK, FATAL HAIR FATAL KARIM, BATAVIA en SUMATRA, schoeners ORION, IRIS en REFECTIE, Amerikaans schip LONDON.
Van Soerabaya is over Batavia naar Japan gezeild het Nederlands schip TWEE CORNELISSEN.
Straat Sunda doorgezeild het Nederlands schip VLASHANDEL, van Rotterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Den 12 dezer arriveerde te Helvoetsluis de TWEE GEBROEDERS, P.H. Nagel, van Bioness (opm: waarschijnlijk wordt Bo’ness bedoeld), en zeilde FORTUNA, L. Berkhoff (opm: L. Berghoff), naar … (opm: niet vermeld).
Den 13 dezer zeilden de NOORD, J.A. WEYERBUSCH, en ELISABETH, f. Fokkens, naar Batavia; ONRUST, P.H. Huisman, naar Marseille; MARTINA JOHANNA, R.J. van Driesten, naar Nantes; HET VERTROUWEN, L. Overgaauw, naar Triëst; CATRIENA, M.M. Pot, naar Liverpool; JUFFER EYNSKE, S.T. Kramer, naar Port-Glasgow; VROUW NEELTJE, K. Parrel, naar St. Martin; EQUATOR, J. van der Kolff, en VOORWAARTS, G. Don, naar Suriname; ALETTA ELIZABETH, R.J. Wever, naar Liverpool; ANNA MARGARETHA, J. Bradhering, naar de Oost Zee, en VROUW ANNA, W. de Zeeuw Baggus, naar Gibraltar.
Volgens rapport der zeeloodsen voor de wal, met loodsen aan boord, het schip MAASSTROOM, kapt. P.S. Schuil, van Batavia. De wind N.O.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Den 13 dezer zeilden van Brielle TWEE GEBROEDERS, H.J. Polter, naar Nantes; CONCORDIA, J.E. Kwakenburg, naar Cardiff en VRIENDSCHAP, R.R. Sap, naar Bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Den 13 dezer zeilden van Maassluis MARIA, S.M. Tanger, naar Nantes; JONGE WILLEMINA, L. Maasdijk, naar Rouaan; VROUW HENRIETTE, H.F. Klie, naar Belfast en ROELINA JELTINA, D.H. Puister, naar St. Martin.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 13 oktober. Het schip VROUW MARGARETHA, kapt. A.T. Steffens, van Amsterdam naar Riga, is, volgens rapport van een loods, den 8 dezer uit Vlie naar zee gezeild.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. P. Blom, makelaar, zal op maandag de 23e oktober 1837 te Amsterdam, 's avonds te 6 uur, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen een extra wel bezeild smakschip genaamd DE VROUW ANTJE, varende onder Nederlandse vlag en gevoerd door kapt. T.P. Teensma, groot volgens Nederlandse meetbrief lang 21 ellen, 60 duimen; wijd 4 ellen, 34 duimen; hol 2 ellen, 2 duimen en alzo gemeten op 84 tonnen.
Breder bij de inventaris en bericht bij bovengemelde makelaar.
(opm: zie AH 251037)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 12 oktober. De 10e dezer is hier aangekomen het Nederlandse schip EMANUEL, kapt. Flemming, de 12e juli vertrokken van Amsterdam.
Gisteren zijn hier aangekomen het dito schip MENADO, kapt. D. Charlau, de 27e juni vertrokken van Rotterdam, en het dito schip JOHANNA, kapt. H.B. Eefting, met vier passagiers, de 24e juni vertrokken van Amsterdam.
Heden zijn hier aangekomen de dito brik DANKBAARHEID, kapt. P.M. Vogelsang, de 2e juli vertrokken van New York, het dito schip de VRIENDEN, kapt. C.M. Flens, met een passagier, de 10e juli vertrokken van Amsterdam, het dito schip VASCO DA GAMA, kapt. J.H. Zeeman, de 30e juni vertrokken van Rotterdam, het dito schip VIER GEBROEDERS, kapt. B.C. Jaski, de 27e juni vertrokken van Amsterdam, en dito schip OLIVIER VAN NOORD, kapt. G. de Jong, met een passagier, de 30e juni vertrokken van Amsterdam.


16 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. Naar Batavia, zal in het begin van november vertrekken het nieuw, extra op de zeilage gebouwd gekoperd fregatschip ELISABETH ANTHONIA, gevoerd door kapt. Simon Hinderk Veer, van Amsterdam, liggende te Dordrecht, en zijnde voorzien van een bekwame scheepsdokter; de personen of families, die tot de overtocht naar Java van deszelfs expres daartoe uitmuntend ingerichte kajuiten wensen gebruik te maken, of degenen die goederen te verzenden hebben, worden verzocht zich te willen adresseren bij de cargadoors d'Arnaud en Comp., op de Oudeschans No. 24, te Amsterdam, of bij de kapitein aan boord.
(opm: eerste reis nieuw schip)


17 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Volgens bericht van de Molucco’s, in dato 28 mei, was de stoomboot WILLEM I, (opm: WILLEM DE EERSTE, kapt. Lammleth, zie JC 300837) op de reis van Soerabaya naar Amboina, op een rots gestrand en verongelukt. Van de aan boord zijnde mensen bevonden 144 zich op gemelde rots van alles ontbloot; men had een schip tot adsistentie afgezonden, hetwelk echter wegens tegenwind terug moest keren, en men berekende dat gemeld schip de rots niet vóór den 12 juni kon bereiken. Een der passagiers was reeds van dorst gestorven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Den 14 dezer zeilde van Helvoetsluis KOLONEL KOOPMAN, A.L. van der Valk, naar Batavia.
Den 15 dezer arriveerden K.K. Wijkmeyer, van Drammen, en Zr.Ms. stoomschip PHOENIX, kapitein-luitenant Le Jeune.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Den 14 dezer arriveerde in de Maas CAROLUS, J.J. Sap, van Greifswald.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Kapt. F. Rietmeyer, voerende het schip CATHARINA, den 4 juli van Batavia vertrokken naar Rotterdam, bericht van St. Helena den 1 september, dat te Batavia, onder anderen, waren aangekomen, den 30 juni MARIA, D. Keus, en JACOBUS, J. Lourens; den 1 juli HET VERTGROUWEN, W.B. Bakker, en DILIGENCE, H. Bos, en den 3 dito de BROEDERTROUW, J.H. Hazewinkel; in Straat Sunda ontmoet, den 4 juli, RHOON EN PENDRECHT, A. Schaap, GENERAAL CHASSẾ, M. Harkema, BATAVIER, J.F. Scharper, en DE SCHELDE, C.M. Van Dijcke; den 5den de KONINGIN DER NEDERLANDEN, een schip met standaard waarin de letters A.S. en een schip met blaauwe vlag waarin W.d.B.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. stoomschip PHOENIX, kapitein-luitenant-ter-zee Le Jeune, uit de Noord Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Kapitein W. Groen, van Batavia in Texel binnen, heeft den 7 dezer, op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness), in goede staat gepraaid de bark DE PROVINCIE GRONINGEN, kapt. J.H. Brand, van Groningen naar Batavia (opm: eerste reis).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 oktober. Kapt. P. Bakker, van Batavia in Texel binnen, heeft den 21 september, op 33º N.B. 25º21’ W.L, gepraaid het schip de ZAANSTROOM, kapt. P.P. Middel, van New-York naar Batavia, en den 5 dito, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), de kof HILLECHIENA GEERDINA, kapt. H.L. Roelfsema, van Amsterdam op avontuur.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 14 oktober. Den 13de dezer zijn te Texel uitgezeild de schepen GENERAAL BARON VAN GEEN, kapt. Kortrijk, EGMOND (opm: ex-GOUVERNEUR, van fregat vertuigd in bark), kapt. Vink en OOST-INDIËN, kapt. Blom, alle drie naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen VROUW JANTJE, kapt. L.W. de Vries, van Hamburg naar Stralsund, en ANNA MARIA, kapt. J. Draijer, van Hamburg naar Antwerpen, zijn op 7 oktober wegens tegenwind te Cuxhaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen FRANKE KNELSINA, kapt. R.R. de Jong (opm: kof FROUKA KNELSINA, kapt. R.R. de Jonge), de EENSGEZINDHEID, kapt. J.N. van Duinen, de VROUW HENDRIKA, kapt. H.E. Boswijk en de WELVAART, kapt. R.T. Fenenga, hebben op 6 oktober te Cardiff een aanvang gemaakt om derzelver lading voor Amsterdam in te nemen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De Texelse loodsschipper Jan P. Kuiper, voerende loodsschuit No. 3 rapporteert op 3 oktober op de hoogte van Piarley (opm: waarschijnlijk Parley, Poole Bay) in goede staat zeilende gezien te hebben het schip de JAVAAN, kapt. J.A. Witzen, van Amsterdam naar Batavia en op 8 oktober op de hoogte van Katwijk het schip ANNA CATHARINA, kapt. P. Bakker, op 11 juni van Batavia naar Amsterdam vertrokken, hetwelk de vorige dag op de hoogte van de Singels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) door hem van een loods voorzien was geworden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de VROUW MARGARETHA, kapt. A.T. Steffens, van Amsterdam naar Riga, is volgens rapport van een loods, op 8 oktober uit het Vlie naar zee gezeild.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip ANGELIKA, kapt. H.A. Klein (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Nantes naar Libau (opm: Liepaja), is op 20 oktober te Penzance binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ter rede van Batavia lagen op 20 juni Zr.Ms. oorlogsbrik ORESTES.
De Nederlandsche schepen de TWEE CORNELISSEN, kapt. S. Veenstra om op 30 juni naar Japan te vertrekken, de VROUW HENDRIKA, kapt. H. Zoetelief en NEERLANDS INDIEEN (opm: fregat NEERLANDS INDIË, kapt. J.G. Veening.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. A. van Slooten, Notaris te Dokkum, … (opm: onleesbaar) en de deurwaarder J.H. van der Werff, zullen, publiek bij strijk- en verhooggeld aan de meestbiedende verkopen; een beurt of de helft in een geoctroijeerd Trekschip, varende van Dokkum op Stroobos en terug, getekend met nummer 6; mede op den 12 mei 1838 te aanvaarden, en behorende aan de voornoemde erven Dijkstra. Wie daaraan gading maakt, kome op tijd en plaats als voren (dinsdag de 24 oktober 1837, des ’s avonds ten 6 ure, ten huize van M.T. Dijkstra, op de Vleesmarkt te Dokkum).
(opm: volgens de annonce van 3 november 1837 was bij de eerste veiling NLG 1050 geboden; het veer zou op 7 november 1837 bij verhooggeld aan de meestbiedende worden verkocht)


18 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. H.J. Rietveld, G.W. Sesink Clee, J. de Rooy, B.D. Bosscher en J. Schutte Hoyman, makelaars, zullen op maandag de 30e oktober 1837, 's avonds te 6 uur in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ presenteren te verkopen het bij uitstek hecht en extra op de zeilage gebouwde en onlangs (opm: 4 oktober) van stapel gelaten brikschip-hol, genaamd de VERWACHTING, lang 25 ellen, 25 duimen; wijd 6 ellen, 75 duimen; hol 4 ellen. Nader bericht bij bovengemelde makelaars. (opm: zie AH 021137)


  JC - Javasche Courant

Straat Sunda, doorgezeild: 12 oktober. Het Nederlands schip (opm: fregat) MERCURIUS, kapt. H.B. Esink, van Middelburg de 28e juni, naar Batavia.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op maandag de 23e oktober zal, precies ten 11 ure, op vendutie voor rekening des boedels van wijlen W. Fitz Paine worden verkocht ⅓ aandeel in het schip GENERAAL CHASSÉ, liggende ter rede alhier (opm: zie JC 111037).
(opm: de GENERAAL CHASSÉ, kapt. J.C. Schmidt, was de 16e oktober op de rede van Batavia gearriveerd, aangekomen van Tjilatjap, van waar ze de 10e oktober was vertrokken.)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 14 oktober. Heden is hier aangekomen het Nederlandse schip MINERVA, kapt. G.H. Ahlers, de 29e juni vertrokken van New York.


19 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 oktober. Den 16 dezer arriveerden te Helvoetsluis VROUW HENDRIKA, S. Gilsema, van Duinkerken, en DRIE GEBROEDERS, H.H. Pauls, van Cuxhaven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 oktober. Den 16 dezer arriveerde in de Maas VROUW MAGARETHA, B.R. Berg, van Aberdour.
Den 17 dezer arriveerde WUBKINA, H. Meints, van Cuxhaven, en ELIZABETH, G. Pybus, van St. Davids.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 oktober. Den 16 dezer arriveerde te Maassluis OP HOOP VAN ZEGEN, A. van der Gaauw, van de Noord Zee.
Den 17 dezer zeilde VIGILANTIE, S.E. de Ruyter, naar Hamburg; is den 18 op de rede teruggekomen. De wind W.N.W.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 oktober. Kapt. L.H. Singer, van Suriname in Texel binnen, rapporteert, dat hij den 16 augustus, bij zijn uitzeilen van Suriname, aldaar in goede staat heeft zien binnenkomen de brik ASTREA, kapt. J.A. de Lang, van Amsterdam; alsmede dat hij den 23 dito, op 12º21’ N.B. gezien heeft een Nederlandse bark, welke de top van de fokkemast verloren had, tonende vlag van het collegie Zeemanshoop, met no. 331, zijnde die van kapt. A.P. Havinga, voerende het schip (opm: driemaster) KLASINA ADRIANA, van New-York naar Suriname.


  AH - Algemeen Handelsblad

Amsterdam, 18 oktober. Op 1 oktober dezes jaars was 's Lands zeemacht sterk 174 schepen en vaartuigen van oorlog als: 2 van 84 stukken (DE ZEEUW en NEPTUNUS), 6 van 74 (de WATERLOO, KORTENAAR, JUPITER, TROMP, DE RUYTER en PIET HEIN); 1 van 64 (ZEELAND); 2 van 60 (de WAAL en de DOGGERSBANK); 1 van 54 (de RIJN); 14 van 44 (DIANA, de AMSTEL, de SCHELDE, de SAMBRE, de MAAS, BELLONA, ROTTERDAM, PALEMBANG, JASON, de ZAAN, CERES, de IJSSEL, de LEK en HOLLAND); 5 van 32 (EURIDICE, KENAU HASSELAAR, MARIA REIGERSBERGEN, JUNO en ARGO); 12 van 28 (de RUPEL, ALGIERS, de DOLFIJN, POLLUX, de TRITON, ATALANTE, NEHALENIA, HIPPOMENES, VAN SPEYK, AJAX, BORENS en CASTOR); 2 van 20 (de EENDRAGT en AMPHITRITE); 10 van 18 (de KEMPHAAN, de VALK, de PANTER, ECHO, PEGASUS, de MEERMIN, MERKUUR, VENUS, de COURRIER en de ZWALUW); 4 van 14 (de VLIEGENDE VISCH, de POSTILLON, de SNELHEID en de AREND); 1 van 12 (de WINDHOND); 3 van 8 (de GIER, de PELLIKAAN en de BRAK); 1 instructievaartuig van 12 stukken (URANIA); 3 stoomschepen (CURAÇAO van 7, CERBERUS van 8 en PHOENIX van 7 stukken); 3 transportschepen (DORDRECHT, de MERWEDE en PRINS WILLEM FREDERIK HENDRIK); 10 gaffel-kanonneerboten, à 1 mortier en 3 stukken, waarvan 5 in dienst; 33 gaffel-kanonneerboten, grootmodel, à 5 stukken, waarvan 16 in dienst; 46 gaffel-kanonneerboten, kleinmodel, à 3 stukken, waarvan 21 in dienst; en 15 roei-kanonneerboten, à 2 stukken.
Van deze schepen zijn in aanbouw 14, en in dienst 71. De in aanbouw zijnde schepen zijn: 3 van 74, als TROMP te Amsterdam, DE RUYTER te Vlissingen, en PIET HEIN te Amsterdam; 2 van 60, de WAAL te Rotterdam, en de DOGGERSBANK te Amsterdam; 3 van 44, de IJSSEL te Rotterdam, de LEK en HOLLAND te Amsterdam; 2 van 32, JUNO te Rotterdam, en ARGO te Amsterdam; 3 van 18, VENUS te Rotterdam, de COURIER te Vlissingen, en de ZWALUW te Amsterdam; en 1 van 14, de AREND te Rotterdam.


20 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Schepen in lading te Amsterdam:
Batavia. Het nieuw gekoperde tweedeks fregatschip DE YSTROOM, kapt. A.F. Oosterlo. Adres bij B.D. Bosscher.
Batavia. Het gekoperde tweedeks fregatschip OUD-ALBLAS, kapt. J. E. Strumphler, van Dordrecht.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman.
Batavia. Het nieuw gebouwde gekoperde tweedeks barkschip DECIMA, kapt. K.J. Bolhuis. Adres bij F. der Kinderen.
Batavia. Het nieuw gebouwde en gekoperde tweedeks fregatschip NASSAU, kapt. Engelbert Visser.
Adres bij Coopman en De Witt en Lenaertz, Van Olivier en Co., Hoyman en Schuurman en De Vries en Co.
Suriname. Het galjootschip ANNA EN MARIA, kapt. Daniel Steenveld. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het Nederlandse gekoperde tweedeks barkschip SURINAME, kapt. Reinder van der Mey.
Adres bij Jan Corver en Co. Sluit 20 oktober.
Suriname. Het gekoperde tweedeks brikschip PARAMARIBO, kapt. H.L. Kayzer.
Adres bij B. D. Bosscher.
Suriname. Het Nederlandse gezinkte barkentijnschip DE JONGE ARIE, kapt. Leendert Hus. Adres bij B.D. Bosscher.
Suriname. Het gezinkte kofschip ANTONIA, kapt. E. Speelman.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE JONGE LODEWIJK ANTONIE, kapt. R. Tjebbes.
Adres bij Hoyman en Schuurman en E. Windhouwer.
Suriname. Het gekoperde brikschip DE VERWACHTING, kapt. H.K. Hillers.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Suriname. Het gekoperde barkschip CATHARINA, kapt. Klaas M. Hillers. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Berbice. Het gekoperde schoener kofschip DIANA, kapt. Hendrik Wente. Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks brikschip CAROLINA EN JOHANNA, kapt. Pieter Simon Matzen.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Demerary. Het gekoperde tweedeks fregatschip DE PLANTER, kapt. C.L. Adboll.
Adres bij Hoyman en Schuurman.
Havana. Het gekoperde brikschip AURORA, kapt. L. Blok. Adres bij J. Langeveldt.
New York. Het gekoperde brikschip LOUISE, kapt. J.G. Cush, van New York.
Adres bij Van Olivier en Co., d’Arnaud en Co. en Jan Corver en Co.
Rio de Janeiro. Het gezinkte schoener kofschip JEANNETTE, kapt. Thomas Bodeman Hzn. Adres bij De Vries en Co., Jan Daniels en Zonen en Arbman, Coopman en De Witt en Lenaertz en Hoyman en Schuurman.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip JOHANNA OTTILIE, kapt. A.H. van Wijk.
Adres bij F. der Kinderen.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip NEERLANDS WELVAREN, kapt. Obbo Hanssens. Adres bij Van Ulphen en Ruys. Vertrekt 21 oktober.
Bordeaux. Het Nederlandse kofschip HET GOED BESLUIT, kapt. H.W. Drent.
Adres bij Jan Corver en Co.
Bordeaux. Het Nederlandse smakschip MEDEMBLIK, kapt. P.J. Carst.
Adres bij Jan Corver en Co.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip DEBORA, kapt. R.S. Oldendorp.
Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
Genua en Livorno. Het Nederlandse kofschip JOHANNA DE VRIES, kapt. Lammert C. de Vries.
Adres bij C.I. de Grys en Zoon en J. de Rooy.
Gibraltar, Constantinopel en Odessa. Het Nederlandse gezinkte kofschip VREDE EN HOOP, kapt. F.G. Mellema.
Adres de wed. Jan Salm en Meyer en Van den Bey en Co.
Lissabon. Het gezinkte kofschip JOHANNA JACOBA, kapt. G. Zwanenburg.
Adres bij J. Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. De Nederlandse kof ANNA MARIA, kapt. Kryn Hoek.
Adres bij Jan Daniels en Zonen en Arbman en Coopman en De Witt en Lenaertz.
Marseille. Het Nederlandse kofschip MONNIKENDAM, kapt. Douwe H. Kramer.
Adres bij Van Ulphen en Ruys. Vertrekt 28 oktober.
Marseille. Het Nederlandse kofschip HET GOED BESLUIT, kapt. H.W. Drent.
Adres bij Jan Corver en Co., Van den Bey en Co., en Nobel en Holzapffel. Vertrek vóór of op 31 oktober.
Port à Port. Het Nederlandse kofschip MERCURIUS, kapt. J.R. Fonk.
Adres bij H. Verweyde Czn.
Triëst. Het Nederlandse kofschip DE HOOP, kapt. P.J. de Boer.
Adres bij van den Bey en Co. en Nobel en Holzapffel.
Triëst. Het Nederlandse gekoperde kofschip MINERVA, kapt. J.J. Kiers.
Adres bij Jan Corver en Co.
Venetië en Triëst. Het Nederlandse hoekerschip DE SNELLE ZEEPOST, kapt. Klaas Zwanenburg.
Adres bij Nobel en Holzapffel en Van den Bey en Comp.
Bremen. Het Nederlandse schip DE VROUW HELENA, kapt. G.Esbra.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer.
Danzig. Het Nederlandse kofschip GESINA, kapt. Anthonie Hendriks Bekkering.
Adres bij de wed. Jan Salm en Meyer.
Danzig. Het Nederlandse kofschip CATHARINA FREDERIKA, kapt. H.H. Duintjer.
Adres bij Kranenborg n Zonen en de wed. P. Poolman Jzn. en Zoon.
Flensburg. Het galjasschip JOHANNA, kapt. J.A. Fries, van Flensburg.
Adres bij B.J. van Hengel.
Hamburg en Altona. Het schip DE TWEE GEBROEDERS, kapt. T.J. Cassens.
Adres bij Blikman en Co.
Koningsbergen. Het Nederlandse smakschip DE HOOP, kapt. Pieke E. Mooi.
Adres bij Kranenborg en Zonen en de wed. P. Poolman Jzn en Zoon.
Riga. Het brikschip JEANNETTE, kapt. H.G. Winter.
Adres bij Floris der Kinderen.


  AH - Algemeen Handelsblad

Het schip LISETTE, kapt. T. Hilling (opm: buitenlander), van Dantzig naar Amsterdam, is op Bornholm gestrand, doch het volk gered.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zr.Ms. stoomschip WILLEM I (opm: WILLEM DE EERSTE), gecommandeerd door luitenant Lammleth, op 26 april van Sourabaya naar de Molukse eilanden vertrokken, is volgens brief van Batavia op 26 juni, na tot 5 mei tot op de hoogte van Goenong Apie (opm: Gunung Api), na een voorspoedige reis, die nacht op het koraalrif van de Luei Paro eilanden, 35 mijl ten zuiden van Amboina gestrand. De gehele equipage en alle passagiers, waaronder Z. Excellentie de gouverneur der Molukse eilanden kolonel De Stuers, met echtgenote en vier kinderen, benevens 70 militairen enz. tezamen ten getale van 140 zielen, hadden zich na tevergeefs alle moeite aangewend te hebben om het schip weder af te brengen, op hetzelve geheel kale koraalrif gered, terwijl men niets dan een weinig proviand en slechts zeer weinig water uit het wrak had kunnen brengen. Na enige hutten te hebben opgezet had men op 7 juni een sloep naar Amboina gezonden, welke niet tegen de wind kunnende opwerken, terug gekomen was, waarop men op 9 juni ander maal een sloep naar Timor Delhi of naar Java had doen vertrekken waarvan op 24 juli nog niets vernomen geworden was, als wanneer reeds een der schipbreukelingen uit gebrek aan drinkwater, was overleden, doch alle de overigen, zowel de militairen als de zeelieden zich hoogstbedaard en lofaardig gedroegen en men alstoen besloot een laatste poging tot erlangen van hulp aan te wenden, door de laatste overgebleven sloep af te zenden, bemand met tweede stuurman Kast, bootsman Veerman en vier Javanen, met een schriftelijk verzoek van genoemde Gouverneur, om twee vaartuigen met proviand en een dokter, welke manschappen met de meest stoutmoedigheid deze gewaagde onderneming volbrachten en na een voorspoedige reis van 6 dagen op 30 dito te Amboina aankwamen. Reeds de volgende dag werd de gouvernementsschoener NAUTILUS tot hulp afgezonden, elke echter door storm genoodzaakt was terug te keren, doch op 4 juni de tocht hervat, vergezeld van de Nederlandse koloniale brik ERICH. Tot 9 juni had men te Amboina nog niets aangaande deze beide vaartuigen vernomen, men hoopte echter, dat dezelven genoegzaam tijdig bij het wrak zouden zijn aangekomen, uit hoofde men op het rif niet met grond konden verwachten, dat de laatstgenoemde sloep in 6 dagen Amboina zouden kunnen bereikt hebben en men dientengevolge het voornemen om, volgens het rapport van genoemde tweede stuurman, bij de hoogste nood en het uitblijven van alle hulp, het rif op een van de overblijfselen van het wrak samengesteld wordend vlot te verlaten en zich op goed geluk doen wegdrijven, bij de aankomst derzelver nog zijn ten uitvoer gebracht. Ook van Sourabaya waren dadelijk vaartuigen tot hulp vertrokken.
(opm: zie JC 300837 en overige berichten over deze stranding)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Stoomvaart tussen Amsterdam en Harlingen.
Deze vaart zal met zondag den 29 dezer voor dit jaar gesloten, en de wederopening derzelve in het aanstaande jaar in tijds worden bekend gemaakt.
Amsterdam, den 17 oktober 1837


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Met consent (opm: toestemming) van Heren Burgemeesters en Wethouders der steden Leeuwarden en Sneek, gedenken de trekschippers van beide steden, verder op hunne gewone uren te varen, ’s morgens ten 4 en 9 ure; begonnen zijnde op heden vrijdag den 20 oktober.
J. Semler


21 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Volgens berichten uit Kopenhagen heeft de Deense regering de aanbouw en wapening van dertig nieuwe kanonneerboten bevolen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Den 18 arriveerde te Helvoetsluis CATHARINA, F. Rietmeyer, van Batavia, en zeilde Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant-ter-zee Van Frank.
Den 19 dezer arriveerde HARMONIE, J. Douglas, van Rio Janeiro. De wind W.N.W.
Den 20 dezer arriveerden Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant-ter-zee Van Frank, en ANTOINETTA, B.G. Peters, van Richmond in Virginia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Den 18 dezer arriveerde in de Maas ST. ANTHONIUS, A.H. Arnold, van Leer.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Volgens brief van kapt. P. Sipkes, voerende het fregatschip DE KONINGIN DER NEDERLANDEN, van Dordrecht naar Batavia bestemd, van den 5 juli, lag hij bij de Grote Combuis ten anker, en hoopte nog die dag ter rede van Batavia te komen; alles was wel aan boord.
Ook zou, volgens berichten uit Oost-Indië, voor den 4 juli in Straat Sunda zijn aangekomen het schip (opm: fregat) BATO kapt. J. Keyzer, van Dordrecht naar Batavia bestemd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Op de Helderse stranden zijn aangespoeld 31 vaatjes brandewijn en 19 vaatjes jenever, waarvan sommigen gemerkt G.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Kapt. B.C. ten Ham, van Batava te Helvoetsluis binnen, heeft den 29 augustus, op 13º7’ N.B. 24º28’ W.L. gepraaid het schip HELENA, kapt. Willem Blom, van Amsterdam naar Batavia; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Het schip SOPHIA WILHELMINA,kapt. B. Hoharst, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam, te Elseneur (opm: Helsingör) binnen, is den 4 dezer, met de inventaris, openlijk voor 2502 rijksdaalders verkocht. (opm: zie RC 310837)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Het schip LAURA, J.E. Beck, van Drammen naar Amsterdam, is den 28 september, en het schip ELIZABETH, kapt. C. Munster, van Amsterdam naar Drammen, is den 2 dezer te Arendahl binnengekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Volgens brief van kapt. J.J. Bart, voerende het schip WALCHEREN, van New-York naar Batavia, in dato 26 augustus, was hij toen in goede staat zeilende op 10º N.B. 26º W.L; aan boord was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Kapitein Wagenaar (opm: Antwerpse brik CAMILLE), van Havanna te Amsterdam gearriveerd, rapporteert dat de JULIANA, kapt. Poodts, den 30 augustus naar Rotterdam vertrokken was; genoemd schip had hij den 3 september in de Golf gepraaid.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. De vishoeker SCHEEPSBOUWLUST, stuurman (opm: schipper) C. Goedenraad, van de grote visserij naar Maassluis, te Lerwick binnen, heeft den 28 september de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Het schip ANTJE, kapt. K. Welger, van Harlingen naar Havanna, was den 10 dezer op de hoogte van Wight.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Het bericht, dat het schip DE NEDERLANDSCHE NIJVERHEID, kapt. H.G. Post, vóór den 30 juni in Straat Sunda zou zijn aangekomen, blijkt onjuist te zijn, zijnde het eerst in het laatst van juni van New-York vertrokken en den 3 juli gepraaid op 28º50’ NB 37º14’ WL.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 oktober. Het schip de TWEE VRIENDEN, kapt. G.S. Bakker, heeft den 7 dezer te Cardiff een aanvang gemaakt met een lading ijzer voor Amsterdam in te nemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.A. Heintzen, D.S. Voute jr, J.A. Heintzen jr, en R. Voute, makelaars, zullen op donderdag den 26 oktober 1837, te Amsterdam, in den Brakken Grond, in de Nes, verkopen: circa 3400 balen Brazil Koffij, zo gezond als beschadigd, aldaar van Rio-de-Janeiro aangebragt per het schip COURIER, kapt. M. Hendrichsen, liggende in Entrepôt en leverbaar per ontvangcedullen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaars in Mahonyhout zullen veilen, op woensdag den 8 november 1837, des voormiddags ten elf ure, in het Notarishuis, op de Gelderschekade, te Rotterdam:
329 blokken fraaij gebloemd St. Domingo Mahonyhout, nu eerst uit zee van New-York aangevoerd met het schip (opm: kof) JACOBINA EN BARBARA, kapt. K.Z. Schut; waarvan de notitiën in tijds bij de makelaars verkrijgbaar zullen zijn.


  AH - Algemeen Handelsblad

Helder, 19 oktober. Heden zijn uitgezeild Zr.Ms. fregat ALGIERS, kapt.t.zee Machielsen, en Zr.Ms. korvet TRITON, kapt.luit.t.zee Edeling, de eerste naar de West- en de laatste naar de Oost-Indiën bestemd.


  JC - Javasche Courant

Advertentie. Op donderdag de 26e oktober 1837, precies ten 11 ure, zal voor het commissiehuis van J. Speet publiek verkocht worden, voor rekening van de assuradeurs, het Nederlands-Indisch schip BATAVIA, groot 228 lasten, met deszelfs welvoorziene inventaris; hetzelve ligt ter rede voor een ieder te bezichtigen, zomede de lijst der inventaris ten vendu-kantore en bij de heren Paine & Stricker alhier. (opm: zie ook JC 111037 en 111137)


  JC - Javasche Courant

Batavia, 18 oktober. Gisteren zijn hier aangekomen het Nederlandse schip MERCURIUS, kapt. H.B. Esink, de 28e juni vertrokken van Middelburg, en de dito brik ROTTESTROOM kapt. B.H. Kuijper, de 23e juni vertrokken van Rotterdam.
Heden is hier aangekomen het dito schip ABEL TASMAN,kapt. H.H. Zeijlstra, met een passagier, de 7e juli vertrokken va Amsterdam.


23 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Helder, 20 oktober. Heden morgen is alhier uit zee ter rede terug gekomen Zr.Ms. korvet TRITON, kapt.luit.t.zee Edeling, bestemd naar Batavia.
(opm: op 25 oktober opnieuw uitgezeild)


24 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 22 oktober. Met den 20 dezer is in dienst gesteld Zr.Ms. fregat DE MAAS, liggende te Willemsoord, en het bevel daarover opgedragen aan de kapitein ter zee H.W. van Maren. Men wil (opm: het gerucht gaat) dat deze bodem in het vervolg een bestemming naar de Oost-Indië zal krijgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, 22 oktober. Zr.Ms. brik ECHO, onlangs uit de West-Indië teruggekeerd, en thans ter rede liggende te Hellevoetsluis, is met den 15 dezer buiten dienst gesteld, ten einde de nodige herstellingen te ondergaan; zijnde de commanderende officier van deze bodem, de luitenant ter zee van de 1e klasse J.F.D. Bouricius, als mede de verdere daarop dienende officieren enz. op non-activiteit gebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 oktober. Den 23 dezer zijn te Helvoetsluis gearriveerd AGATHA, D.G. Schuur, van Liverpool, en MARY, B. Smaal, van Newcastle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 oktober. In Texel is binnengekomen Zr.Ms. stoomschip CERBERUS, kapitein-luitenant Van Frank, van Helvoetsluis, doch is dadelijk derwaarts teruggekeerd.
Van Texel is uitgezeild Zr.Ms. corvet TRITON, kapitein luitenant ter zee A.C. Edeling, naar Batavia, doch is weder uit zee terug.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Groningen, 23 oktober. Volgens brief van kapt. J.H. Brandt, van 10 oktober, was het barkschip de PROVINCIE GRONINGEN, gedestineerd naar Batavia, destijds zeilende op de hoogte van Wight en voldeed het schip in zeilen en sturen zeer goed. (opm: eerste reis)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. H.O. Heida, van Brunsbüttel naar Amsterdam, laatst van Cuxhaven, is op 12 oktober wegens tegenwind aldaar uit zee teruggekomen.
De schepen SICCOLINA HOYTES (opm: SIKKELINA HOOITES), kapt. G.T. de Jong, van Hamburg naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) en CONCORDIA, kapt. Oltmans (opm: waarschijnlijk buitenlander), van Hamburg naar Groningen, zijn op 12 oktober wegens tegenwind te Cuxhaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. F. Rietmeijer, op 4 juli van Batavia naar Rotterdam vertrokken en op 1 september te St. Helena aangekomen, rapporteert op 4 juli in de Straat Sunda gepraaid te hebben de schepen GENERAAL CHASSÉ, kapt. M. Harkema, van Rotterdam naar Batavia, en op 5 juli de KONINGIN DER NEDERLANDEN, kapt. P. Sipkes, van Dordrecht naar Batavia.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip de TWEE VRIENDEN, kapt. G.S. Bakker, heeft op 7 oktober te Cardiff een aanvang gemaakt met een lading ijzer in te nemen voor Amsterdam.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. H.H. Wagenaar (opm: Antwerpse brik CAMILLE, kapt. H.H. Wagener), van Havana naar Antwerpen, te Vlissingen binnen, heeft op 3 september in de Golf van Mexico gepraaid het schip JULIANA, kapt. F. Poodts, op 30 augustus van Havana naar Rotterdam vertrokken.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip LUCAS EN WICHER, kapt. J.J. de Jong (opm: kof LUKAS WICHER, kapt. J.J. de Jonge), van Amsterdam naar Londen, is op 15 oktober te Harwich binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip (opm: fregat) CATHARINA ANNA HELENA, kapt. F.H. Zeylstra, van Amsterdam naar Suriname, was op 16 oktober op de hoogte van Portsmouth.


25 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Roland Holst en J. Corver, makelaars, zullen op maandag de 6e november 1837, 's avonds te 6 uur, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ, verkopen een extra ordinair wel bezeild smakschip, varende onder Nederlandse vlag, genaamd DE VRIENDSCHAP, gevoerd door kapt. R.J. Sprik, volgens Nederlandse meetbrief lang 21 ellen, 80 duimen; wijd 4 ellen, 36 duimen; hol 2 ellen, 9 duimen en alzo gemeten op 46 lasten. Breder bij de inventaris, en bericht bij bovengenoemde makelaars. (opm: zie AH 081137)


  AH - Algemeen Handelsblad

Verkoping van schepen in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ op maandag 23 oktober 1837: het welbezeild smakschip de VROUW ANTJE, kapt. T.P. Teensma: NLG 2.025, in slag NLG 800. Koper: D. Beth (opm: een makelaar, waarschijnlijk namens een onbekende sloper, zie ook AH 141037; mogelijk gebouwd Hoogezand, volgens B.V. 1805-1806)


26 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Kapt. D.G. Schuur, van Liverpool te Helvoetsluis binnen, rapporteert den 18 dezer vijf mijlen oost van Lezard gezien te hebben een brik, tonende Amsterdamse nommervlag met 226.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. De schepen de JONGE MARGARETHA (opm: kof), kapt. J.K. Wijkmeijer, van Arendsburg (opm: Kuressaare) naar de Maas, de JONGE CORNELIA (opm: JONGE CORNELIUS), kapt. A. Hazewinkel, van Riga naar Zaandam, SARA (opm: kof), kapt. H.G. Botje, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam, en de EENDRAGT (opm: kof), kapt. G.H. Haverbult, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Groningen, alle vier de Sont gepasseerd, zijn den 17 dezer wegens tegenwind te Elseneur (opm: Helsingör) uit zee terug gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Aangaande de van de stoomboot WILLEM I op een koraal rif geraakte passagiers en equipagie (bevorens gemeld [opm: zie RC 171037]), wordt van Batavia, van den 28 juni bericht, dat reeds enige dagen vóór het vernemen van die ramp, op het bericht dat het stoomschip den 29 mei nog niet te Amboina was aangekomen, een oorlogsvaartuig, op last van Z.Exc. de Gouverneur-Generaal, was uitgelopen om het op te zoeken, en dat sedert nog twee andere schepen derwaarts gezonden waren, ter mogelijke hulp en redding, als mede dat men op het rif, bij het zenden van het bericht op den 24 mei, nog voor vijftien dagen levensmiddelen had.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Te Cardiff hebben den 14 oktober een aanvang gemaakt met laden de schepen METTINA JANTINA, kapt. H.H. Koster, voor Rotterdam, en WEBBINA (opm: kof WIBBINA), kapt. B.H. Kuiper, voor Dordrecht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Den 23 dezer arriveerde te Helvoetsluis JANTINA ENGELINA (opm: kof), H.T. de Jonge, van Liverpool, en ALIDA, B.J. Borchers, van Embden (opm: Emden).


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Den 25 dezer zeilden van Maassluis JOHANNA FREDERIKA, A. Johnson, naar ….; VIGILANTIE (opm: smak), S.E. de Ruyter, naar Hamburg, GOEDE HOOP (opm: smak), J.W. Wilkens, naar la Rochelle, JANTJE, J.H. Schippers, naar Cardiff, en JONGE EGBERTUS (opm: kof), J.B. Mulder, naar Jersey.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 oktober. Kapitein H.J. de Jonge, van Bremen te Amsterdam gearriveerd, rapporteert, dat den 14 dezer onder Borcum liggende waren zes evers, (opm: waaronder) vermoedelijk CATARINA ELIZABETH, kapt. H. Kroger, en METTA MARGARETHA, kapt. J. Bacchus, alle naar Amsterdam bestemd.


27 oktober 1837


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. H.J. de Jonge, van Bremen te Amsterdam gearriveerd, rapporteert dat op 14 oktober onder Borkum liggende waren, de FORTUNA, kapt. H. Schuldt en MARGARETHA ELIZABETH, kapt. G.S. Wilkens (opm: waarschijnlijk beide buitenlander).


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Aangaande de stoomboot WILLEM I (opm: WILLEM DE EERSTE) op een koraalklip geredde passagiers en equipage wordt van Batavia op 28 juni gemeld, dat reeds enige dagen voor het vernemen van die ramp, op het bericht dat het stoomschip op 29 mei nog niet te Amboina was aangekomen, een oorlogsvaartuig, op last van Z. Excellentie de Gouverneur-Generaal was uitgelopen, om hetzelve op te zoeken en dat sedert nog twee andere schepen derwaarts gezonden waren, ter mogelijke hulp en redding, alsmede dat men op het rif, bij het afzenden van het bericht, op 24 mei nog voor 15 dagen levensmiddelen had.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie: Alle die genen, welke iets te vorderen hebben van de nalatenschap van wijlen Hindrik Rinkes Bouiten, op 14 en 15 januari 1837 met zijn smakschip de GOEDE HOOP op Ameland verongelukt (opm: zie PGC 310137), of die aan deze verschuldigd zijn, worden verzocht daarvan schriftelijk aangave of betaling te doen, uiterlijk voor 1 december a.s. bij G.H. Luurts te Veendam.
Veendam, 24 oktober 1837, Rienke Anskes (opm: vader van Bouiten)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Op zaterdag 4 november 1837, des namiddags te twee uur, zal te Norden, ten huize van scheepstimmerbaas Pauls, openlijk verkocht worden; het tjalkschip de VROUW ANNA, onder Nederlandse vlag gevoerd door schipper L.A. de Vries, groot plm. 56 ton, met inventaris, zijnde opnieuw vertimmerd en liggende te Norden.
Gadingmakenden kunnen nader onderigt bekomen bij de scheepsmakelaar P. Stratingh, te Delfzijl en bij Jacob Drent, aan het Boterdiep te Groningen.
(opm: uit een akte blijkt dat de VROUW ANNA averij had gekregen, waar en wanneer is niet bekend; de schade werd hersteld met financiering door senator Biel uit Norden; toen schipper Liewe Ales. de Vries de senator niet kon terugbetalen werd een procedure aangespannen resulterende in bovengenoemde veiling ten overstaan van Wilhelm Gerard Taaks, justitie commissaris en notaris te Norden, Oost Friesland, koninkrijk Hannover; zoals mocht worden verwacht werd Biel de enige of beste bieder en daarmee eigenaar; op 28 maart 1838 verkocht Biel de tjalk voor in totaal NLG 1.046,51 aan Jouke K. Mandema uit Delfzijl, die er op 5 juni 1838 onder de naam VROUW JANTINA mee aan de vaart ging)


28 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 oktober. Ter gelegenheid der begrafenis van Hare Majesteit heeft het voor deze stad liggende wachtschip DE KEMPHAAN, benevens een der schepen van de Heren A. van Hoboken en Zonen, een aantal minuutschoten gedaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 oktober. Volgens berichten uit Batavia, van den 4 juli, heeft het schip (opm: fregat) RHOON EN PENDRECHT, kapt. A. Schaap, de reis uit het Vaderland tot aan Anjer in de buitengewoon korte tijd van 79 dagen gelukkig volbragt. Sedert was dat schip, op hetwelk de heer Scholten van Oud-Haarlem, president van het Hoog Geregtshof van Nederlands-Indië, zich bevond, te Batavia aangekomen.


  JC - Javasche Courant

Batavia, 24 oktober. Heden zijn hier aangekomen het Nederlandse schip MARCO BOZARIS, kapt. W.H. Warnsinck, de 9e juni vertrokken van Amsterdam, en het dito schip ONDERNEMING,kapt. H.J. Klein, de 23e juni vertrokken van New York.


30 oktober 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. G.J. Roland Holst, J.H.A. Balwé en J. Corver, makelaars, zullen op maandag den 13de november 1837, des avonds ten 6 ure, te Amsterdam, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, in de Nieuwe Stads Herberg aan het Y, verkopen:
een extra ordinair wel bezeild gezinkt kofschip, genaamd de TWEE GEBROEDERS, varende onder Nederlandse vlag, en gevoerd door kapt. J.G. Visser; volgens Nederlandse meetbrief, lang 22 ellen 31 duimen, wijd 4 ellen 69 duimen, hol 2 ellen 47 duimen, en alzo gemeten op 61 lasten. Breder bij den inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars.
(OPM: ZIE ah 151137)


31 oktober 1837


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Gedurende de maand september zijn door het Kanaal van Voorne 200 zeeschepen gevaren, te weten: 106 te Helvoetsluis binnengekomen en 94 uitgelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Kapt. J. Parlevliet Fz, van Batavia te Helvoetsluis binnen, rapporteert, den 23 juli in Straat Sunda gezien te hebben een bark, tonende de Amsterdamse nommervlag 238, en den 29 september, op 11º9’ N.B. 25º2’ W.L. gepraaid te hebben MARIA (opm: bark), kapt. D. Keus, van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. De Vlielandse loodsschuit No. 1, schipper A. Visser, is, na in de avond van den 23 dezer enige schepen van het Vlie uitgeloodst te hebben, bij zware storm op de Noordvaarder gestrand en vol water gelopen, zullende vermoedelijk geheel weg zijn; al het volk is gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Door kapt. J.J. Cramer, van Bordeaux ter rede van Vlissingen gearriveerd, zijn op den 18 dezer gepraaid, zeven mijlen benoorden Lezard, kapitein Kortrijk, voerende het schip (opm: fregat) GENERAAL BARON VAN GEEN, van Dordrecht naar Batavia, alsmede het barkschip de HARMONIE, van Amsterdam naar Suriname, en den 20, vier mijlen noordoost van Portland, kapt. Van der Valk, voerende het barkschip KOLONEL KOOPMAN, van Rotterdam naar Batavia; aan boord dezer drie schepen was alles wel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Uittreksel uit de Lloydslijst tot den 28 oktober:
Gepraaid, Blom, van Amsterdam naar Batavia, 29 augustus, op 13º N.B. 24º W.L.


  AH - Algemeen Handelsblad

Advertentie. J. Lublink, G.J. Roland Holst, F. der Kinderen, J.H.A. Balwé, J. Corver, A. van der Sluis, J. Boelen, H.I. Rietveld, G.W. Sesink Clee, J.A. Lublink, A.W. Abrahamz en D. Beth, makelaars, zullen ten overstaan van de notaris Mr. J. Commelin, op maandag de 13e november 1837, 's avonds te 6 uur, in de Nieuwe Stads Herberg, aan het IJ ter sloping verkopen het gedeeltelijk gekoperde fregatschip-hol, genaamd HET SCHOON VERBOND, lang 41 ellen, 50 duimen; wijd 7 ellen, 55 duimen; hol 6 ellen, 10 duimen; benevens diverse scheepsgereedschappen, bij notitie omschreven. Liggende gemeld fregatschip-hol aan de werf De Oranjeboom, van de scheepsbouwmeester A. de Graaf en Zoon.
(opm: de zeebrief van de pink, < 1819 in Dantzig gebouwd, kapt. B. Drayer, werd eind november ingeleverd, ‘wordende hetzelve gesloopt’)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Het schip GESINA CATHARINA, kapt. H.R. Stutvoet, van Hamburg naar Amsterdam, is de vijftiende, de VROUW ANTJE, kapt. K.D. Ekamp, van Hamburg naar Wismar en de VROUW ENGELINA, kapt. E.J. Vlaskamp, van Altona naar Friedrichstadt, op 19 oktober te Cuxhaven wegens tegenwind binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Te New York lag op 23 september in lading het schip HENRIETTE, kapt. J. Hansen (opm: waarschijnlijk buitenlander), voor Bordeaux.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Kapt. D.G. Schuur, van Liverpool te Helvoet binnen, heeft 15 oktober, 5 mijlen oost van de Lezard, gezien een brik, tonende de vlag van het Collegie Zeemanshoop met No. 226, zijnde die van kapt. C. Wessels, voerende het schip (opm: schoener) de SNELHEID, van Amsterdam naar Suriname.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

De schepen VROUW MAIKE (opm: smak), kapt. E.J. Visser, van Hamburg naar Lübeck, de DRIE GEBROEDERS, kapt. J.J. Kroon, de VROUW NEELTJE, kapt. J.F. Kuipers, beide van Hamburg naar Wismar, zijn op 20 oktober, en de schepen de HOOP, kapt. A.L. de Vries, van Hamburg naar Groningen en de HOOPENDE ZEEMAN, kapt. W.F. Frouk (opm: smak HOPENDE ZEEMAN, kapt. W.F. Pronk), van Hamburg naar Amsterdam op 22 oktober te Cuxhaven binnengelopen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Zr.Ms. oorlogsfregat ALGIERS, kapt.-luitenant J.P. Machielsen, van Texel naar Suriname, is 22 oktober in goede staat Deal gepasseerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een overdekt kofke, genaamd LET OP HET EINDE, groot 17 tonnen, met zeil, treil en aanbehoren, laatst bevaren door H.J. Boonstra, thans liggende voor de scheepstimmerwerf van J.R. Boomsma, op Zevenhuizen bij Franeker, en bij dezelve te bevragen. Brieven franco.


01 november 1837


  AH - Algemeen Handelsblad

Rio de Janeiro, 23 augustus. Vertrokken HENRY EN WILLEM, B.P. Martens naar Batavia.