Inloggen
Zoek in kronieken
Aanwezig jaargangen:
Start - 1813 - 1814 - 1815 - 1816 - 1817 - 1818 - 1819 - 1820 - 1821 - 1822 - 1823 - 1824 - 1825 - 1826 - 1827 - 1828 - 1829 - 1830 - 1831 - 1832 - 1833 - 1834 - 1835 - 1836 - 1837 - 1838 - 1839 - 1840 - 1841 - 1842 - 1843 - 1844 - 1845 - 1846 - 1847 - 1848 - 1849 - 1850


Bevat   Exact
 

Kronieken uit 1818


01 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 december (opm: 1817). Volgens berigt van Bornholm, is in de nacht tussen den 5 en 6 december op het Salthammer rif gestrand het smakschip DE GOEDE HOOP, kaptein J.S. Orsel, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam; hetzelve kon niet weder afgebragt worden, doch de inventaris was, benevens een gedeelte der lading, zo droog als nat, geborgen.


  DC - Dordtsche Courant

In de Middellandse zee heeft, inzonderheid op de hoogte van het eiland Sardinien (opm: Sardinië) , volgens de brieven uit Marseille van de 17 dezer, een geweldige orkaan gewoed; een der schepen, met granen naar Marseille bestemd, is door de storm overvallen, en is, na geheel van zijn cours en naar de kant der Afrikaanse kusten geslingerd te zijn, en enige dagen met het grootse gevaar gekampt te hebben, gedurende hetwelk de equipage het geschut en een gedeelte der lading over boord geworpen heeft, ter nauwernood behouden gebleven.


  DC - Dordtsche Courant

De admiraliteit in Engeland laat vier schepen bouwen, van ongeveer 300 ton ieder, met buitengewoon zware koperen huiden voorzien, ten einde tegen het ijs bestand te zijn. Deze schepen zijn bestemd tot een ontdekkingsreis naar de Noordpool. De laatste ontdekkingen, door de luitenant Kotzebue, officier der Russische marine, gedaan, en de rapporten der laatst van Groenland wedergekeerde walvisvaarders, hebben het Engelse gouvernement doen besluiten om het onderzoek te vernieuwen naar een doortocht in het noordwesten tussen de twee halfronden.


02 januari 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Schuiteschip, lang over steven ruim 70 voeten, holte en wijdte naar advenant, met deszelfs staande en lopende want, zeilen, kleden, ankers en touwen en verdere toe- en aanbehoren, laatst bij de eigenaar Sjoerd Gerrits Ponne bevaren, liggende in het Meer bij Heerenveen. Wie daar aan gadinge make, vervoege zich bij gemelde eigenaar, die in alle billijkheid wil handelen. Ook is het hol alleen te koop.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een welbevaren Schuiteschip, lang over steven 65 voet, wijd over de welling 14½ voet, hol naar advenant, met zeil en treil, zo als dezelve door de schipper Auke Sjoerds van Meer is bevaren, of het losse scheepshol, naar verkiezing der koper. Te bevragen bij gemelde schipper of bij Claas P. Sjollema, beide woonachtig te Grouw.


03 januari 1818


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 1 januari. Gedurende het vorige jaar zijn alhier uit zee gearriveerd 3.077 schepen, uit onderscheidene havens, waar onder de volgende:
4 van Alexandria; 70 van Archangel; 3 van Bahia; 16 van Baltimore; 1 van St. Bartholomé; 15 van Batavia, 11 van de Berbice; 14 van Boston; 1 van Buenos Ayres, 2 van Canton; 9 van Charlestown; 10 van Curaçao; 144 van Dantzig; 13 van Demerarij; 6 van St. Domingo, 1 van St. George d'Elmina, 1 van la Guayra; 8 van Havanah; 196 van Koningsbergen; 1 van Manilla; 3 van Mauritius; 1 van la Mobile; 2 van Mogador; 1 van Newbury Port; 3 van New Orleans, 1 van New Port; 13 van New York; 169 van Petersburg; 3 van Petersburg in Virginië; 5 van Philadelphia; 323 van Riga; 4 van Rio de Janeiro; 3 van Savannah; 1 van Sourabaija; 59 van Suriname; 5 van St. Thomas; 1 van Wilmington.


06 januari 1818


  DC - Dordtsche Courant

Directeuren van de Maatschappij van Reederij en Zeevaart te Hoorn, en de Directeur der onderlinge Brandwaarborg Maatschappij aan de Uithoorn bij Amsterdam, hebben te Dordrecht tot hun Correspondent benoemd, de Advocaat en Notaris Mr. P.S. Schull aldaar.


08 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 15 november (opm: 1817) is het schip LILLO THORSUNG, J. Zwartewaal (opm: buitenlander), van Maassluis naar Faro (opm: waarschijnlijk worden hier de Faeröer bedoeld) gedestineerd, op het eiland Fair (opm: Fair ligt noordoostelijk van de Orkney Eilanden) verongelukt; de stuurman en een man der equipagie zijn gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 januari. Het smakschip HOOP EN VERWACHTING, kapt. J.L. Smith (opm: Joannes Ludovicus Smit), naar Havre-de-Grace bestemd, is in de nacht van den 2 dezer, onder de Vlieter (opm: bij Texel), aan de grond geraakt; de equipagie had het schip verlaten en was op Texel met een schuit aangekomen.
(opm: de smak, bouwjaar 1814, werd gerepareerd en vervolgde eind maart zijn reis [zie LCO 300318]; waarschijnlijk had kapitein Smit voor herstel van zijn schip een lening op bodemarij opgenomen; toen hij bij aankomst in Rouaan het bedrag, 4.101 francs, niet kon terugbetalen maakte de crediteur gebruik van zijn recht op verhaal; nadat de smak in Brussel was aangekomen [zie MCO 061018] gaf de Rechtbank van Koophandel te Brussel op 18 oktober toestemming het schip openbaar te verkopen; de veiling vond in Brussel plaats op 30 november en 7 december 1818; koper voor NLG 4.506 werd een driemanschap Antwerpse kooplieden onder boekhouderschap van J.A. Podor; de nieuwe naam werd LE LÉVRIER en de kapitein Egide Cathuijser)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Frans Helmis en Cornelis van Dijck, makelaars, als ten deze speciaal geauthoriseerd door Mijnheer de President van de Regtbank van Koophandel, zitting houdende alhier, zijn van mening, ten overstaan van de Heer Antonie van Vollenhoven Janszoon, Griffier bij voornoemde Regtbank, op donderdag den 22 januari 1818, des namiddags ten 5 uren, in het Logement van ouds genaamd het Zwijnshoofd, nu het Hotel van Engeland, op de Grote Markt, publiek te veilen, en aan de meestbiedenden, zonder afslag, te verkopen: een partij van circa 11 hele en 20 halve stukken Langlade, 11 hele en 13 halve stukken St. Christol, 9 Trommels Tavelle, 26 oxhoofden Muscaat, 100 halve en 3 hele stukken rode Languedocse, 25 halve stukken witte Picardan, 9 halve stukken zoete witte Languedocse wijn en 7 stukken Languedocse voorloop van brandewijn, alles min of meer beschadigd, zijnde te Cette (opm: Sète) afgeladen geweest (opm: geladen) in het schip JOHANNA CHRISTINA, kapt. H.H. Bleeker; welk schip op de reize den 29 augustus 1817, bij Bevezier (opm: Beachy Head), is gestrand (opm: zie RC 110917), en het geborgene van Newhaven alhier is aangebragt per het schip de ONDERNEMING, kaptein R. Hakker; thans liggende in twee pakhuizen (Particulier Entrepot) op de Scheepmakershaven bij de Juffrouwstraat, zo als nader bij Notitiën zal worden aangewezen, welke bij alle de makelaars in wijnen zullen te bekomen zijn; zullende dezelve daags voor en op de Verkoopdag kunnen geproefd worden. Nadere onderrigting bij bovengemelde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, op zeer voordelige conditiën, een extra sterk, welbetimmerd en zeer snelzeilend Smakschip, groot circa 75 lasten, voorzien van een goede inventaris; zijnde dit schip zo wel geschikt voor de Buiten- als Binnenvaart. Te bevragen te Delft, Wijk 3, No. 37. Brieven franco.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop:
- een beste Hengst (opm: Zeeuws platboomd vaartuig), zo goed als nieuw, lang 44 en 1 half voet over steven, wijd 13 voet buitenwerks, hol 6 en 1 half voet op het zaathout onder zijn dek.
- Een Engelse sloep, hegt en sterk, lang 19 voet 9 duim, wijd 7 en 1 half voet, hol 2 voet 2 duim, Amsterdamse maat.
Adres bij A. van Harthals, te Schoonderloo, bij Delftshaven (opm: Delfshaven).


09 januari 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Brussel, 4 januari. Den 4 dezer zeilde van Helvoetsluis Zr.Ms. brik van oorlog DE ZWALUW, kapitein J.H. Bolken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een à twee scheepstimmerknechten, liefst vrijgezellen, kunnen direct werk krijgen tegen het hoogste dagloon bij Boxum, scheepstimmerbaas te Ackrum.


10 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

De handel op de Rode Zee schijnt heel levendig te worden. Er zijn onlangs te Suez verscheidene vaartuigen aangekomen, o.a. een rijk geladen Engels schip, uit China en de Oost-Indiën. Het kon wel zijn, dat de markt van Suez, sedert zo lange tijd te niet geraakt, op nieuw hersteld werd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 januari. Op de rede ligt A.A. Potjer (opm: kof CHRISTINA EN TITIA) terug uit zee om contrarie wind en schadens, gedestineerd naar Bordeaux; is in zee des nachts overzeild geworden, doch door welk schip heeft men door de donkerheid niet kunnen zien, zijnde de boegspriet en kraanbalk gebroken en heeft twee ankers verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 januari. Kaptein F.V. Klein, voerende het schip CONCORDIA, van Bordeaux naar Amsterdam gedestineerd, meldt van Newhaven van den 28 december (opm: 1817), dat hij aldaar binnengelopen was, na 24 dagen in zee geweest en tot voor de Spaanse kust gestormd te zijn; had zeilen en raas gekapt, een geramponeerd (opm: beschadigd) roer bekomen en gedurende de reis veel wijn gepompt; tot vermijding van kosten zoude hij trachten de schade zonder lossen te herstellen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 januari. Den 31 december (opm: 1817) is te Hull lek binnengelopen het Fluitschip HET VERTROUWEN, kapt. J.A. Engels, van Nerva naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 6 januari. Te Portsmouth is den 4 dezer binnengelopen het schip (opm: fregat, thuishaven Antwerpen, eerste reis onder Nederlandse vlag) HARRIET, kapt. J. Ghersi, van Amsterdam naar St. Thomas.


13 januari 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Kofschip, lang 64 voet, wijd14 voet, hol 6 voet, oud 6 jaren, plus annexen, in het voorjaar alles eerst nieuw opgemaakt, zoals het door de eigenaar S.J. Scheepsma wordt bevaren, liggende buiten de A-poort te Groningen.


15 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 januari. Het Fluitschip HET VERTROUWEN, kapt. J.A. Engels, van Nerva naar Amsterdam gedestineerd, te Hull lek binnengelopen (opm: zie RC 100118), zat den 31 december op het Holmsand, in de Humber. Volgens een brief van de kaptein, in dato Hull den 7 januari, was het schip den 2 en 3 dito door de harde Zuid-Oosten wind nog meer op het strand gezet en liep het water daar in en uit, zo dat het niet weder af te brengen zou zijn. (opm: zie RC 050218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 januari. Volgens een brief van Dantzig van den 30 december (opm: 1817), was aldaar, wegens het drijfijs, terug gekomen het schip ZELDENRUST, kapt. F.J. Fisser, naar Amsterdam gedestineerd, zou waarschijnlijk moeten overwinteren.


  DC - Dordtsche Courant

Schiedam, 9 Januari. In het afgelopen jaar 1817 zijn in deze haven uit zee binnengekomen de volgende schepen, te weten: 98 van Riga, 58 van Libau, 22 van Petersburg, 5 van Archangel, 3 van Arendsburg, 3 van Reval, 2 van Dantzig, 1 van Windau, 1 van Koningsbergen, 1 van Memel, 1 van Rostock, 1 van Stettin, 1 van Anklam, 7 van Hamburg, 16 van London, Altoa (opm: mogelijk Alloa), Sunderland en Leer. Met deze schepen en met anderen, die van binnen 's lands gearriveerd zijn, zijn alhier aangebracht 32.874 last graan, meest alles rogge en gerst.


16 januari 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. Jan Quintus, advocaat en openbaar notaris, residerende te Groningen, zal op donderdag 29 januari 1818, des avonds te 7 uren, ten huize van kastelein H. Kelderhuis, aan de Noorderhaven, publiek worden verkocht: een welbevaren Kofschip, genaamd de WINDLUST, groot plusminus 80 roggelasten, met annexen, waarop schipper is G.R. Engelsman, liggende in de Noorderhaven. (opm: met behoud van naam werd de kof voor NLG 3.800 verkocht; nieuwe kapitein W.N. Jacobs)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Kapitein H.T. Hut, te Oude Pekel-A, is voornemens op woensdag den 28 dezer, des avonds te 6 uren, ten huize van M.J. Middel, te Oude Pekel-A, ten overstaan van Mr. S. Piccardt, openbaar notaris aldaar, aan de meestbiedende te verkopen: zijn welbevaren Kofschip, de TWEE GEBROEDERS genaamd, groot plusminus 65 roggelasten. Te Oude Pekel-A in 1814 nieuw uitgehaald en liggende thans te Harlingen, alles zoals door hem zelf is bevaren, met tuigage en annexen. Iemand hetzelve intussen vrij uit de hand willende koopen, vervoege zich bij de eigenaar opgemeld.


17 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. De brik LA CONFIANCE DE DIEU, kapt. Mourdeille, in april l.l. uit Marseille vertrokken, werd den 8 september, op zijn reis van de Havanna naar Marseille, in de Straat van Bahama, door twee zeerovers genomen en op het Eiland Amelia, bij de kust van Florida (opm: Nassau Sound), opgebragt, alwaar de Insurgenten (opm: opstandelingen) zijn schip en lading prijs verklaarden, en hem, benevens zijn volk, een maand gevangen hielden, hebbende hun vervolgens, na van alles beroofd te hebben, naar Charlestown gezonden, van waar zij naar New-Yorck zijn vertrokken. Uit deze plaats heeft de kaptein aan zijn reders gemeld, dat het volk voornemens was naar Guadeloupe te gaan en naar Gibraltar zoude vertrekken; hebbende de Ambassadeur van Frankrijk bij de Vereenigde Staten van Amerika in de onkosten van de reis, voor hem en zijn lotgenoten, voorzien, daar allen in een zeer behoeftige staat waren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Het schip SENECA, kaptein Clarke, den 1 december (opm: 1817) te New-York aangekomen, was den 25 oktober 1817 bij St. Helena geweest, wanneer daar alles volkomen wel was; berigten de gemelde kaptein, dat de Secretaris van Bonaparte, voornemens zijnde, met één of meerdere inwoners, een geheime correspondentie te openen, gearresteerd en naar Kaap de Goede Hoop gevoerd was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 januari. Aangaande het op het eiland Royal bij Baltisport (opm: Baltisskii Port, thans Paldiski, Estland) gestrande schip ALEXANDER DEN EERSTEN, kapt. A.H. Köbeke, van Amsterdam naar Petersburg gedestineerd, wordt in een brief van Petersburg, van den 11 december 1817, gemeld, dat men geen hoop meer had om iets van de lading te bergen, alzo de personen die ten dien einde aan boord waren, uit hoofde van zware storm, vandaar hadden moeten vlugten; de kaptein had zijn leven op een plank gered, doch de onderhavenmeester was daar bij omgekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men zal op maandag den 26 januari 1818, des namiddags ten 3 uren, binnen Ostende, publiek verkopen: een nieuw schip (opm: waarschijnlijk een driemaster) met zijne rondhouten, groot omtrent 50 vat (opm: 50 ton), staande op de werf van de Heer Lans (opm: Lams), Scheepsbouwer te Ostende voornoemd.


20 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Den 27 december (opm: 1817) is het schip de VREDE, kapt. H. Borman, van Rotterdam naar Surinamen, lek te Lissabon binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Den 14 januari is in de haven van Medemblik binnengelopen het kofschip JACOBA HENRIETTE, kapt. J.G. Bart, van Amsterdam naar Bordeaux; hebbende in het Val van Urk een vliegende storm voor twee ankers afgereden, waardoor het schade aan de braadspil (opm: horizontale spil op het voordek) en de slemphouten (opm: houten verbanddelen tussen de stevens en de kielbalk) heeft bekomen; daar voor het overige schip en lading in goede staat zijn, zou de kaptein spoedig gereed zijn, om bij gunstige gelegenheid de reis voorttezetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 januari. Den 25 december (opm: 1817) is, na een hevige storm te hebben uitgestaan, verscheiden stort zeeën overgekregen, zwaard en touwwerk gekapt te hebben, te Corunha (La Coruña) binnengelopen het schip de VRIENDSCHAP, kapt. H. Gerlofs, van Seville (opm: Sevilla) naar Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen, 15 Januari. Van 1 januari tot 31 december 1817, zijn voorbij Vlissingen de Schelde op- en afgevaren, 1.769 schepen, zijnde 40 meer dan in 1816; te weten:
Binnengekomen: 228 Nederlandse, 232 Engelse, 83 Deense, 62 Zweedse, 49 Pruisische, 46 Hanoverse, 38 Amerikaanse, 23 Meckelburgse, 17 Russische, 14 Hamburgse, 12 Rostockse, 9 Franse, 7 Noorweegse, 6 Lübeckse, 5 Bremense, 5 Oldenburgse, 2 Papenburgse, 1 Spaans, 1 Portugees; te zamen 925.
Van deze schepen zijn er nog 707 zo door de Vlissingse als Veerse loodsen binnengebracht; van welke er 560 met granen geladen, zijn binnengevallen, en slechts 389 zijn uitgezeild: dus 171 meer ingekomen dan uitgegaan. Onder de bovengenoemde schepen zijn niet gerekend de kleine vaartuigen, als ponen, gaffels, enz, welke in die tussentijd de Schelde zijn op en afgevaren, en wier getal vrij groot is geweest.


  LC - Leeuwarder Courant

Te Batavia is den 30 augustus (opm: 1817) gearriveerd het transportschip AUGUSTA, kapt, J. Grevelink, met troepen, en den 2 september (opm: 1817) Zr.Ms. fregat van oorlog WILHELMINA, gekommandeerd door de kapitein Dibbetz, met troepen, beide van Texel.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. P. Andreæ, notaris te Leeuwarden, zal op vrijdag den 23 januari 1818 ten 2 uren na de middag in de herberg het Schippershuis op het Vliet bij Leeuwarden presenteren publiek bij strijkgeld en verhooggeld te verkopen: een Hekschip met platte luiken, in den jare 1808 nieuw uitgehaald, lang over steven 63 voeten, wijd 13½ voeten en hol op de welling 4½ voeten, met zeil en treil, ankers en touwen, staand en lopend want, bomen en kloeten, zo en in dier voege bij de eigenaar Jarig Ypes wordt bevaren en is liggende in het Vliet bij Leeuwarden, waarop geboden is NLG 2106. De gegadigden kunnen zich ter bezichtiging dagelijks vervoegen bij de eigenaar, wonende op het Vliet voormeld.


22 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 Januari. Zijne Majesteits Oorlogsbrik de ZWALUW is, wegens bekomen lekkagie, in de haven van het Nieuwe Diep gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. In een brief van Enkhuizen, van den 18 januari, wordt gemeld: dat die dag door een visser, voor NLG 200, met verlies van de stagfok, binnengebragt was het Ligterschip, gevoerd door Sybrand Boiter, in het Nieuwe Diep tarwe geladen hebbende uit het schip WILHELMINA, kapt. C.L. Rasch, van Dantzig (opm: Gdansk).
Het Ligterschip, gevoerd door Goedkoop, in het Nieuwe Diep goederen geladen hebbende uit het schip DOROTHEA CHARLOTTA, kaptein E. Reerok, mede van Dantzig, was naar alle gedagten onder Urk of Schokland gesleept.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Een visser, den 18 januari in Texel binnen, bericht vier dagen te voren geweest te zijn bij een schip, zo hij dacht een Amerikaans, hetwelk verlangde een man tot walkijker (opm: mogelijk een uitkijk die met de kust bekend is, of een slikloods) had geen accoord kunnen treffen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Volgens een brief van Texel, van den 17 januari, was de vorige dag op de Horst van Vlieland gestrand en onmiddellijk verbrijzeld een Koffschip, zo men van Eierland konde zien, met al het volk.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Van den 13 dezer wordt gemeld, dat den 29 december (opm: 1817) bij Zierikzee verongelukt is het schip BERTHA MARIA, kapt. L.R.A. Randberg, van Lissabon naar Hamburg; het volk was gered, doch van de lading waren slegts enige kisten thee geborgen en te Rotterdam aangebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Te Stavern, bij Laurwig (opm: Larvik, Noorwegen), is, na het kappen van ankers en touwen, lek binnengelopen het kofschip de VROUW HENDRICA, kaptein J.P. Schuuring, van Dramme (opm: Drammen) naar Amsterdam, laatst van Gottenburg (opm: Gothenburg).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Den 26 oktober (opm: 1817) is bij Kola (opm: schiereiland Z-kust Barentsz-zee) gestrand het schip GOLUB, kapt. G. Abrahams, van Archangel naar Amsterdam; het volk is, benevens een gedeelte der gereedschappen, geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Volgens een brief van Cornelis Rab, voerende het schip de BERBICIAAN, van Amsterdam naar St. Eustatius en St. Thomas gedestineerd, in dato 26 december 1817, was hij den 4 dito uit Texel gezeild, zijnde die zelfde avond door zuidwestelijke wind belopen geworden, die de volgende dag zich tot een storm verhief met een hoge zee; de wind hierop ’s nagts Z. en Z.O. en de volgende dag Z.O. tot N.O. lopende, passeerde hij met dikke lucht (opm: slecht zicht) en storm uit het noorden, de Hoofden (opm: Nauw van Calais), in gezelschap van de schepen de DRIE VRIENDEN, kaptein Casper Tol, naar de Kust van Guinea; ZAANDAM, kapt. R.H. Krins, naar Surinamen; de PLANTER, kapt. C. Jessen, naar Demerarij, en de STAD GENT (opm: brik), kapt. G. Swart, naar Charlestown.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 januari. Volgens een brief van Surinamen, van den 24 november (opm: 1817) zou het schip (opm: sloep) de UNIE, kapt. G. Schroder, waarschijnlijk in het begin van januari de reis naar Amsterdam aannemen.


24 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 20 januari. Volgens een berigt van iemand welk met uitdruklijke last gezonden was, om de staat van het op de hoogte van Roscoff (opm: Noord-Bretagne) gebleven schip de INDIAN op te nemen, blijkt het, dat men de lijken van 143 schipbreukelingen gevonden en begraven heeft. Het getal der matrozen en passagiers, die zich aan boord van dit schip hebben bevonden, bestond uit 193 en niet uit 240 personen, zo als bevorens gemeld was. Het schip was bij laag water nauwlijks zigtbaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens berigt van het Vlie, in dato den 18 januari, is 's morgens ten zes uren op de westkust van het Eiland gestrand het Smakschip de VROUW HALLINA, schipper L.J. Visser, met haring, van Antwerpen naar Bremen; de equipagie is op een stuk van het achterschip, in ruime zee drijvende, door manschappen, van land naar hun toegezwommen, opgevist en aan land gebragt; de schipper is kort daarna overleden; het schip is geheel verbrijzeld en de lading weggespoeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens berigt van Terschelling, is het schip JUPITER, gevoerd door B.R. van Wijk (opm: galjoot, kapt. Barend Roelofs van Wijk), wegens ijsgang, in het gat van Toren en Molen gebragt; door de hevige storm van den 16 januari, door zwaar stoten lek geworden en vervolgens in de grond geraakt; wegens de aanhoudende storm heeft men nog niets van de lading kunnen bergen, en zal waarschijnlijk voor een groot gedeelte weg zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens een brief van Enkhuizen, van den 18 januari, was aldaar, na verlies van anker, touw en zeilen, door vissers, voor NLG 1500, zeer lek binnengebragt het Ligterschip, gevoerd door H. de Groot, in het Nieuwe Diep tarwe geladen hebbende uit het schip ALLIANCE, kaptein J. Domansky, van Dantzig; men had een begin gemaakt de lading, die door zeewater beschadigd was, te lossen en op te slaan, het geen volgens nader berigt reeds geschied was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Het Ligterschip van Goedkoop, gevoerd wordende door Sybrand Bakker, in het Nieuwe Diep tarwe geladen hebbende uit het schip DOROTHEA CHARLOTTA, kaptein E. Reetske, van Dantzig, hetwelk men meende dat onder Urk of Schokland gesleept was, is tegen betaling van NLG 3000 te Enkhuizen zeer lek en ontramponeerd binnengebragt; men vreest de lading zeer beschadigd te zullen vinden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens een brief van Medemblik, van den 18 januari, was aldaar met verlies van anker en touw binnengelopen het schip de VROUW HENDRICA, kaptein B. Lubberts Pekelder, van Amsterdam naar Rouaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Den 14 januari is te Margate aangekomen het schip de KOOPHANDEL, kaptein A. Schaap, van Amsterdam naar Lissabon; had een anker en touw verloren. (opm: de KOOPHANDEL is op 19 januari verder gezeild)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens een brief van Plymouth, van den 14 januari, was aldaar die dag, wegens contrariewind, binnengelopen het schip JOHANNA, kaptein C.J. Jonker, van Amsterdam naar Batavia; hetzelve had de fokkera en enige zeilen verloren, doch was voor het overige in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Kapit. G. van den Broeke, voerende het schip la JEUNE ANNETTE (opm: kapt. Gaspard van den Broeke, driemaster, thuishaven Brugge), van Amsterdam naar Batavia gedestineerd, meldt van West-Cowes, van den 11 januari, dat hij zijn reis, onder aanhoudend slecht weer, zo veel mogelijk vervorderd hebbende, zich den 7 dito, naar gissing 6 à 7 mijl van St. Albanshead bevond, toen hij des avonds ten 10 uren, voor de wind zeilende, met kracht een schip op hem zag aankomen, met dat gevolg, dat niettegenstaande hij het roer wendde, een lantaarn vertoonde en met zijn roeper waarschuwde, het gezegde schip met de boegspriet over het zijne tussen de grote en bezaanmast kwam te leggen, en toen tegen de bezaanmast aankwam, waar door deze met het want een vadem (opm: 6 voet, 1,83 m.) boven het dek afbrak en over boord viel; vervolgens raakte het even het achterschip en brak de kraanbalk van het hek, waardoor de sloepen van boven nedervielen, aan de lijkraanbalk bleven hangen en agteraan sleepten; van gemelde schip ontslagen zijnde, had kaptein Van den Broeke getracht het tuig, zeilen en sloepen te bergen, doch zulks door het zwaar slingeren ondoenlijk zijnde, dezelve ter voorkoming van verdere schade moeten kappen en laten drijven; met de dageraad Wight in het gezigt krijgende, besloot hij West-Cowes aan te doen, waar hij ook den 9 door een loods binnengebragt werd en zich het benodigde zo spoedig doenlijk zou aanschaffen.
(opm: vertrokken 4 februari, zie LCO 200218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 januari. Volgens een brief van kaptein P.C. Staghouwer, voerende het schip HENRIETTE, te Surinamen gearriveerd, in dato 19 november (opm: 1817), had hij sedert zijn vertrek aanhoudend met contrarie en variabele winden moeten worstelen, en was den 17 oktober door een zware storm overvallen geworden, waar door tuig en zeilen veel geleden hadden; was voor het overige in goede staat den 11 november te Surinamen gearriveerd en dagt primo februari de terugreis aantenemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, T. van Olivier, J. van Ouwerkerk de Vries en J.E. Lublink, makelaars, zullen, op maandag den 26 januari 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd Fregatschip, genaamd VRIESLAND, gevoerd door kapt. D.P. Bonck, lang over steven 85 voet, wijd 22 voet 8 duim, hol 13 voet 5 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: zie RC 130818 voor verkoping per 17 augustus)


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. In het negotie-huis van Van Rijck en Prediger in de Binnen Nieuwpoortstraat, is thans geopend en wordt voor contante betaling uitverkocht, een onlangs met het schip CANTON, kapt. Schindehutte, van Japan aangebracht factuur, bestaande in zijden en katoenen kabaaien (opm: kabaja’s), kreppen (opm: krip, crêpe; dunne, doorschijnende, meestal gekroesde, uit wol of ruwe zijdevervaardigde stof voor dameskleren), zijde stoffen, martavanen (grote pot van aardewerk om vloeistoffen in te bewaren), boomwas, porceleinen, soya, sakky (opm: saké), miso (opm: niet gevonden), vruchten en andere goederen meer.
Batavia, den 24 januari 1818.


27 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 23 januari. Het schip de VREDE, H. Borman, van Rotterdam naar Surinamen gedestineerd en den 27 der vorige maand lek te Lissabon binnengelopen (opm: zie RC 200118), moest deszelfs lading lossen, om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam 24 januari. Het schip MERCURIUS, kaptein P. Hasselaar, van Amsterdam naar de Berbice gedestineerd, heeft in het opzeilen naar Texel, eerst door het ijs, vervolgens door zware stormen, veel geleden, het anker door de boeg gestoten en lekkagie bekomen; hetzelve is in het Nieuwe Diep gekomen en zal denkelijk moeten lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juni. Bij Swinemünde is totaal verongelukt een vaartuig, goederen geladen hebbende uit het schip JULIANA EN CAROLINA, kaptein C.F. Jancke, gekomen van Amsterdam; de kaas, haring en ebbenhout waren geheel weg en alleenlijk een pakje tabak geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 juni. Volgens een brief van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), van den 9 dezer, is te Christiansand met averij binnengelopen het schip WIGGERT, kapt. W.B. Fisscher, van Koningsbergen naar Amsterdam.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Den 17 januari is te Cowes binnengelopen het schip (opm: fregat) CHRISTINA BERNARDINA, kapitein H.F. Zeijlstra, van Amsterdam naar Batavia.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 26 januari. Van Texel wordt onder dagtekening van den 20 januari gemeld, dat een sedert 30 jaren op het Eierland gestrand en in de grond zittende kofschip, destijds gevoerd door kapt. W. Baukes en geladen met wijn, door de jongste stormen uit de grond geslagen en op strand gespoeld was.


29 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Wordt gevraagd, om terstond in dienst te treden, een bekwaam en kundig scheeps-doctor, voor het Geneeskundig Bestuur examen afgelegd hebbende, en door hetzelve in gemelde kwaliteit geadmitteerd, die genegen is zich op een schip naar de Oost-Indiën bestemd te engageren. Nader informatie in Persoon, of bij vrachtvrije brieven, de nodige toelichting behelzende, bij J. Holm, Makelaar in Zeevaart, aan de Vischmarkt, te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Den 13 januari is op de Plaat de Rik, in het gezigt van Zierikzee, vastgezeild het Engels sloepschip the TYNE, kapt. J. Laing, met steenkolen, van Harwich naar Rotterdam; de equipagie heeft zich met de sloep gered, en men hoopte bij stiller weêr nog iets van de tuigagie te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Den 19 december (opm: 1817) is op de rivier van Seudres (opm: bij Île d’Oléron) totaal verongelukt het schip de JONGE WILLEM, kapt. U.F. Bonjer, van Amsterdam naar Bordeaux.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 januari. Te Isle-de-France is met schade binnengelopen het schip ROBINSON POTTER, kaptein Tillecam, van Batavia naar Amsterdam; moet lossen om te repareren.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Boeijer met zijn toebehoren, zeer geschikt om op alle vaarwaters te kunnen varen. Nader onderrichting bij Johannes Petrus Salacroup, Deurwaarder bij de Regtbank van Koophandel te Dordrecht, in het Steegoversloot, Lett. C. N°. 1297.
(opm: in DC 100218 werd de veiling aangekondigd op 14 februari)


30 januari 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De directie der Nederlandsche Onderneming op China, gedaan met het schip MIDDELBURG, kapt. J.A. van de Putte, en van Kanton (opm: Guangzhou) in China rechtstreeks te Middelburg in Zeeland geretourneerd, adverteert, dat zij op maandag den 23 februari 1818, des voormiddags ten 10 uren in het lokaal der voormalige Oost-Indische Compagnie, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, aan de meestbiedenden zal doen veilen, te betalen in Nederlands kasgeld, de lading thee met opgenoemde bodem aangebracht, en zulks tot al zodanige conditiën als bij het stellen dezer veiling zullen worden bekend gemaakt, welke, als ook de monsters, zullen worden afgegeven bij het nieuw opgericht etablissement te Middelburg, gelijk die mede bij de Pakhuismeesteren der Thee te Amsterdam en Rotterdam verkrijgbaar zijn.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Mr. Jacob Hanekuijk, notaris te Harlingen, zal op woensdag den 18 maart 1818, bij de beschrijving, des nademiddags ten 3 uren, en bij de finale palmslag des avonds ten 7 uren precies, ten huize van de kastelein H. Heep in het logement ROMA ten gemelden stede, publiek verkopen een uitmuntend en welbezeild Pinkschip, de CASTOR genaamd, zijnde in 1810 nieuw uitgehaald en in 1816 zwaar vertimmerd, lang 136 voet, breed 36 voet, hol 16 voet, hol tussendeks 8 voet, en groot 430 à 440 lasten, present bij kapt. Christoph. Hensell wordende gevoerd en liggende in het Nieuwe Diep. Breder volgens biljetten.


31 januari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Kaptein Mense Bakker, voerende het schip (opm: kof) de LIEFDE, van Amsterdam naar Cette (opm: Sète) gedestineerd, meldt van Kadix (opm: Cadiz), van den 6 januari, dat hij, na het uitstaan van aanhoudend slecht weer, den 31 december 1817, met verlies van een ankertouw en zeilen, en op een zeer lek schip, aldaar was binnengelopen; den 8 december was een man overboord geslagen, en een ander zwaar bezeerd geworden, en den 16 dito was door een stortzee de grote boom aan stukken geslagen, bij welks herstelling hij zich in het been gekapt had; hij zou de schade zo spoedig doenlijk repareren en alsdan de reis voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 januari. Volgens brieven van Batavia, van den 1 tot 6 september, was het schip COLUMBUS, kapt. H. van Uijen, den 27 augustus aldaar in twee dagen van Samarang (opm: Semarang) gearriveerd, alwaar in goede staat nog liggende was het schip WATERLOO (opm: bark, zie ook RC 231217), kapt. D. Hensken.
Ter rede van Batavia was liggende Zijner Majesteits fregat WILHELMINA, kolonel Dibbets, alsmede de particuliere schepen HENRIETTA ELISABETH, kapt. C.F. Jansen, half beladen; FORTITUDE, kapt. S. Aggens; SELLINA (opm: SELIMA), kapt, G. Jansen, en AUGUSTE, kapt. J. Grevelink, ledig, benevens verscheidene Amerikaanse en Engelse schepen, welke door hun lage concurrentie in de vrachten bij de geringe voorraad producten aan de Nederlandse schepen weinig vooruitzigt overlieten om spoedig lading te bekomen. Er was een Amerikaans schip door het Gouvernement, met rijst bevracht.
Het schip de HOOP, kapt. M.D. Ihnken, was den 6 september in het opzeilen naar de rede.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 9 januari. In onze haven is binnengekomen, LES TROIS AMIS (opm: kof DRIE VRIENDEN), kapt. J.J. Mulder, van Antwerpen naar Duinkerken gedestineerd, met stukgoederen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Mr. Willem Jan Quintus, openbaar notaris, te Groningen verkoopt op maandag 2 februari a.s. o.a:
- 1/16 Aandeel in het Smakschip JUFFER WILHELMINA, schipper Jacob Jans Swart, plusminus 50 roggelasten.
- 1/16 Aandeel in het Kofschip genaamd NEPTUNUS, plusminus 100 roggelasten, schipper W.H. Cramer.
- 1/16 aandeel in het Kofschip, de VROUW ZWAANTJE, plusminus 90 roggelasten, schipper Jacob Jans Kortrijk (opm: Jan Jans Kortrijk).


02 februari 1818


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het welbezeild Hollands Galjasschip, genaamd de HOOP, gevoerd wordende door kapt. A.C. Roelofs, groot circa 28 lasten, voorzien van een goede inventaris. Liggende te Dordrecht. Adres bij Sandberg & Co aldaar (opm: het schip werd verkocht en gesloopt, waarna de zeebrief op 19 juni werd geretourneerd).


03 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 februari. Den 31 december 1817 lag achter Ready Island, op de rivier van Philadelphia, ten anker het schip APRIL, kaptein D.C. de Groot, van Amsterdam naar Philadelphia; hetzelve had vele stormen doorgestaan, doch was in goede staat; de equipagie, benevens de passagiers, waren gezond. (opm: zie RC 260218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Volgens brief van kapt. J.F. Ulrich, voerende het sloepschip de JONGE MARTINUS, van Rotterdam, laatst van Dartmouth, was hij den 12 december laatstleden, in goede staat, te Philadelphia aangekomen; de equipagie en passagiers waren allen in de beste welstad, en hij had, niettegenstaande de lange reis en vele uitgestane storm, geen zieken gehad, maar daarentegen waren er drie kinderen geboren.
Een Engelse brik, den 18 van Amsterdam aangekomen, was niet zo gelukkig geweest, want van de 200 aan boord geweest zijnde passagiers waren er 73 overleden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mr. J.D. Hoekwater J.W.Z, Notaris te Schiedam, als last en order hebbende van zijn Principaal, is van mening, op vrijdag den 6 februari 1818, in het publiek, aan de meestbiedenden, of hoogst mijnenden, te verkopen, een hegt, sterk en welbezeild Tjalkschip, genaamd de VROUW MARGARETHA, groot ongeveer 24 rogge-lasten, met deszelfs staande en lopende want en verdere toebehoren, thans liggende in de Buitenhaven aldaar.
Die gading hebben om te kopen, komen ten dage en ure voorschreve, in het Groot-Schippers-Huis bij W. Kerdel, op het Hoofd te Schiedam voornoemd, en aanhoren de voorwaarden, lasten en bedingen, waaromtrent inmiddels informatiën te bekomen zijn ten Kantore van gemelde Notaris.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een welbevaren tjalkschip, groot 35 à 36 roggelasten, met of zonder opgoed, liggende aan de Turfmarkt te Groningen. Schipper Reinder Willems.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 27 januari. De bewindhebbers van de Levantse handel en de zeevaart op de Middellandse Zee hebben bekend gemaakt, dat ingevolge een brief des consuls van Zr.Ms. te Gibraltar, den 31 december geschreven, Z.Exc. de vice-admiraal Van Braam, zich met zijn eskader te Mahon (opm: Port-Mahon) bevindende, bevel heeft bekomen enige vaartuigen van zijn gemeld eskader tussen Kaap St. Vincent en Cadix (opm: Cadiz) te zenden, om desnoods onze vlag tegen de aanrandingen der kapers van de opstandelingen te beschermen.


05 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Te Delfzijl is wegens stormweder binnengelopen het schip de VIGILANTIA, kaptein H. Gnodde, van Amsterdam naar Barcelona.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Den 19 januari is te Cuxhaven, na drie etmalen plat op zijde gelegen te hebben en ankers, zeilen en touwen verloren te hebben, door Helgolander loodsen, tegen betaling van 850 mark, met vier voet water in het ruim, binnengesleept het smakschip CHRISTINA ALIDA, kaptein H.J. Leening, van Amsterdam naar Leith.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Den 10 januari lag te Nieuw-Hellesond (opm: Ny Hellesund) in Noorwegen in goede staat, wagtende slechts op een goede wind, het schip IDA, kapt. W.B. Fischer, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Den 3 december (opm: 1817), ’s avonds, is vier mijlen van de Noordse kust, door op een wrak te zeilen, lek geworden en gezonken het schip HOPPES, kapt. W.L. Wessnes, van Stokholm naar Amsterdam; de equipagie is te naauwernood met boten te Noorwegen aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Het fluitschip HET VERTROUWEN, kapt. J.A. Engels, van Amsterdam naar Nerva gedestineerd, op de Humber gestrand (opm: zie RC 100118 en 150118), is, volgens rapport, den 23 januari in vlot water en zonder roer, met behulp van twee loodsschuiten, voor de haven van Hull gebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. In een brief van Londen, van den 27 januari, wordt gemeld, dat het schip MARIA, kapt. Schubert, van Londen naar Rotterdam gedestineerd, te Bridlington zeer lek binnengebragt, vier voet water in had en men de goederen zoude overladen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Den 26 oktober anno passato (opm: verleden jaar) is bij St. Andrea (opm: waarschijnlijk het eilandje San Andrés) in de aldaar plaats gehad hebbende orkaan gezonken de Hollandse schooner de ADMIRAAL KIKKERT, kaptein Tromp, van San Blas (opm: Panama) naar Kingston en Jamaica, geladen met cacao en katoen; slechts vier man van de equipagie hebben zich in de boot begeven, welke op zee door de Engelse schooner PICKLER geborgen zijn en behouden op de kust van San Blas aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men presenteert, uit de hand te koop, een besloten Timmerwerf, met twee Loodsen, een lang 72 voet, breed 36 voet en een kleinder daar naast aan; zijnde op de Werf twee Slepen (opm: sleephellingen) en bekwame Plaats om Vaartuigen te bouwen, met alle deszelfs gereedschappen; alsmede de nodige gereedschappen, om alle soorten schepen van Strand aftebrengen; benevens Woonhuis, alsmede een Blokmakerij daar annex, alles sedert acht jaren nieuw aangelegd, tegen een half of een derde contant en het overige op Kusting (opm: hypotheek) à 6 per Cent ’s jaars. Te bevragen bij de Eigenaar M.J. Spaanderman te Maassluis. Brieven franco.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Mr. Jacob Hanekuyk, Notaris te Harlingen, zal op woensdag den 18 maart 1818, bij de beschrijving, des namiddags te 3 uren, en bij de finale palmslag, des avonds te 7 uren precies, in het Logement Roma, ter gemelder Stede, publiek verkopen: een uitmuntend en welbezeild Pinkschip, de CASTOR genaamd, zijnde in 1810 nieuw uitgehaald en in 1816 zwaar vertimmerd, lang 136 voet, breed 36 voet, hol 16 voet, hol tussen deks 8 voet, en groot 430 à 440 lasten, present bij kaptein Christoph Hensell wordende gevoerd, en liggende in het Nieuwe Diep; breder volgens billetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Le Brique LA BONNE ESPẾRANCE sera prêt pour faire voile du port d’Anvers pour Buenos-Ayros le mois de Mars prochain. Pour fret et passage s’adresser au Propriétaire Mr. H. Dirks Senior, à Anvers, Place des Façons, No. 19c, ou au Courtier de navires, R. van Goorlaecken, rue Porte au Vaches.
(opm: vrij vertaald: de brik de GOEDE HOOP zal aanstaande maand maart gereed zijn om van Antwerpen naar Buenos Aires vertrekken. Voor inlichtingen over vracht en passage richte men zich tot de eigenaar, H. Dirks Sr, of de scheepsmakelaar Van Goorlaecken)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 februari. Den 25 november (opm: 1817) is te Surinamen in beslag genomen het schip de VLIJTIGHEID, kaptein Mahy (opm: brigantijn, kapt. Nicholas Mahij); men dagt dat hetzelve voor goeden prijs verklaard zou worden. (opm: zie RC 070218)


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 4 februari. Heden zeilden naar zee het pinkschip de JOHANNA MARIA, kapt. F. Jonker, Rio-Estequebo en Demerary (opm: Demerara [Georgetown], Guyana), en het brikschip de ZWERVER, kapt. E. Petersen, naar Suriname, beide van deze stad.


06 februari 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een hecht en sterk Kofschip, liggende in de haven van Harlingen, groot 45 rogge-lasten, in den jare 1806 te Sapmeer (opm: Sappemeer) gebouwd en in 1814 geheel vernieuwd, voorzien van een uitmuntende inventaris, als twee stel zeilen, het ene nieuw en het andere beter dan halfsleten, overigens alles na rato. Adres bij de scheepsmakelaar S. Wiarda aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een Smakschip, met goede inventaris voorzien, groot circa 55 rogge-lasten, liggende te Amsterdam en aldaar te bevragen bij de heren De Vries & Co, zijnde ook nadere informatiën te bekomen bij de heren Barend Visser & Zoon te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Men prefereert bij gereed geld uit de hand te verkopen een Tjalkschip, met zeil en treil, lang 68 voet, wijd 14 voet en hol 4½ voet, uitgehaald in het jaar 1800, en zo door de eigenaar bevaren, liggende thans achter deszelfs huis, bij Wijbe Lammerts Louwtenbach (opm: waarschijnlijk: Lautenbach), bij Bergumerdam.


07 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. In onze vorige Zeetijding stond abusivelijk: Den 25 november is te Surinamen in beslag genomen het schip de VLIJTIGHEID, kaptein Mahy; men dagt dat hetzelve voor goeden prijs verklaard zou worden; hetgeen aldus moet worden gelezen:
De VLIJTIGHEID, kapt. Mahy, was den 25 november te Surinamen onder examinatie gesteld; men dagt dat hetzelve afgekeurd zoude worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 februari. Het Fluitschip DE LIEFDE, kapt. L.A. Kant, van Riga naar Brest gedestineerd, den 2 januari uit Texel gezeild, is den 18 dito, na door aanhoudende stormen zodanig geleden te hebben, dat het geheel ontramponeerd en vol water geraakt was en op zijde lag, door het volk met de boot en jol in open zee, 25 mijl van Boevenbergen (opm: Bovbjerg, westelijk van Lemvig), verlaten geworden; gemelde equipagie is, na twee dagen en een nacht met zwaar stormweer gezworven te hebben, in de avond van den 19 dito, drie mijlen ten noorden van Strandgaard, aan de Jutse kust, met levensgevaar aan strand gekomen, alwaar kort daarna de bootsman overleden is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare vrijwillige verkoping. Jan Abram Jongeneel, openbaar Notaris, residerende te Rotterdam, is voornemens op maandag den 9 februari 1818, des namiddags ten half vier uren, voor- of op het natemeldene, te veilen en verkopen: een extra welbezeild schip, zijnde de Wey-aak, genaamd de VROUW MARGARETHA, groot 40 lasten, met deszelfs toebehoren, liggende in de Scheepmakershaven, nabij de Groote Draaisteeg, te Rotterdam; breder bij biljetten omschreven.
Het gemelde te veilene kan heden en overmorgen voormiddag door een ieder worden bezigtigd. Kunnende men zich tot nadere informatie adresseren ten kantore van voornoemde Notaris.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, T. van Olivier, J. van Ouwerkerk de Vries, J.E. Lublink, J. Boelen, H.J. Rietveld, G.W. Sesink Clee en W.P.D.C. Vrugt, makelaars, zullen, op maandag den 9 februari 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Brikschips-Hol, genaamd HENDRINA, gevoerd geweest door kapt. J. Ingerman, lang over steven 78 voet, wijd, 23 voet, hol, 13 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris omschreven. (opm: de brik HENDRINA werd op 17 november 1817 reeds te koop aangeboden, zie RC 111117)
Alsmede een partij Scheeps-Gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, want, rondhouten, enz, liggende als bij notitie zal worden aangewezen.
Nadere onderrigting te bekomen bij de voormelde makelaars.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 5 februari. De Schelde is opgevaren de AIMABLE PAULINE (opm: brik), kapt. L.J. Luytjes, van Rio de Janeiro, naar Antwerpen, met huiden en koffij.


10 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 februari. Het schip de ZEEVRUGT, kaptein H. Das, van Lissabon te Helvoet binnen, heeft gedurende de reis bijna aanhoudend zware stormen doorgestaan, en in het opkomen der gronden twee man van deszelfs equipagie verloren, die door een zee over boord geslagen zijn, bij welke gelegenheid het schip in het uiterste gevaar geweest is van geheel te vergaan; hetzelve is in een slechte staat, zijnde geheel ontzet, de mast aan stukken, en aan tuig, want, enz. zeer beschadigd; de lading zal waarschijnlijk mede beschadigd zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. de Roo, R. Hoyman, J. Tentye, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J. Wesseling, H. Wesseling, J.E. Lublink en H.J. Rietveld, makelaars, zullen, op maandag den 16 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Fluitschip, genaamd KROONPRINS DER NEDERLANDEN, gevoerd bij kaptein R.J. Duyff, lang 141 voeten, wijd 31 voet 10 duim, hol 14 voet 10 duim, het verdek 7 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.
Nog zullen afzonderlijk verkocht worden 60 stuks dekdelen, van onderscheiden lengten, dik 3 duim, liggende aan boord van voornoemd schip.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Men zal, ten overstaan van de Deurwaarder Jacob van der Monden, op maandag den 16 maart 1818, des middags ten twaalf uren precies, ten huize van J.M. Gudg (opm: naam slecht leesbaar), in het Logement den Witten Arend, buiten de Tolsteegpoort, te Utrecht, publiek veilen en verkopen: een schip of vaartuig kunnende de nieuwe Schutsluis aan de Vaart passeren, zijnde een overdekte Kolen-Aak, lang, tussen de beschotten, 47 en 1 halve voet, wijd 10 en 1 vierde voeten, hol 3 en 7 twaalfde voeten, Rhynlandse maat; liggende buiten de Tolsteegpoort, te Utrecht, in de Vaartsche Rhyn, met de tuigagie en gereedschappen; waarvan de inventaris, mitsgaders de Conditiën van Verkoop, ter visie ligt ten Kantore van de Procureur Van Hengelaar, te Utrecht.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. N. de Roo, J. van Ouwerkerk de Vries, J.E. Lublink en H. Gullen, makelaars, zullen, op maandag den 16 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd DEN LYCKLIGA, gevoerd door schipper J.M. Zeplin, lang 86 voet, wijd 20 voet 2 en 1 half duim, hol 10 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: de kof werd eerst op 28 april onderhands verkocht en kreeg toen de naam JOHANNA HERMINA)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, T. van Olivier, J. van Ouwerkerk de Vries en J.E. Lublink, makelaars, zullen, op maandag den 23 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Pinkschip, genaamd de FREUNDSCHAFT, gevoerd bij kaptein E. Meyer, lang 107 voeten, wijd 28 voet, hol 11 voet 6 duim, het verdek 5 voet 9 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars en bij Van Olivier en d’Arnaud en Comp.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. J.P. Salacroup, deurwaarder bij de regtbank van koophandel te Dordrecht, zal op zaterdag den 14 februarij1818, 's morgens ten elf ure, in het Logement de Paauw, op de Wijnbrug te Dordrecht, publiek verkopen: een extra grote snelzeilende Boeijer, met deszelfs inventaris, welke bij kavelingen en daarna gecombineerd zal worden verkocht.
Inmiddels is gemelde boeijer uit de hand te koop. Informatie te bekomen bij gemelden deurwaarder J.P. Salacroup.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het Neerlands Fluitschip, genaamd DE DRIE GEZUSTERS, groot 359 gemeten lasten, voorzien van een behoorlijke inventaris, gevoerd wordende door kapt. Dirk Jansz. Duif, thans liggende in de Kalkhaven te Dordrecht. Te bevragen, en nadere informatiën te bekomen bij de heren Vogelsang & Co, scheepsmakelaars aldaar (opm: zie RC 180418).


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading naar Bergen in Noorwegen, om ten spoedigste te vertrekken, het Hollands galjasscheepje ZELDENRUST, kapt. Abraham Brons.
Adres bij de heren Vogelsang & Co, scheepsmakelaars aldaar.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

‘s Gravenhage, 3 februari. De reize van ‘s konings fregat WILHELMINA, naar Batavia, kan onder de voorspoedige geteld worden waarvan de jaarboeken der zeevaart melding maken. De kapitein Dibbets, die hetzelve commandeert zeilde op 1 mei 1817 uit Texel en bevond zich op 17 juni reeds te Rio de Janeiro en op 30 augustus in de Peperbaai op Java, geen zieken of doden.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Smakschip, met een goede inventaris, groot ca. 55 roggelasten, liggende te Amsterdam.
Te bevragen bij de Vries & Co, te Amsterdam en bij Barend Visser & Zn te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

’s-Gravenhage, 3 februari. De reis van ’s konings fregat WILHELMINA naar Batavia kan onder de voorspoedigste gesteld worden, waarvan de jaarboeken der zeevaart melding maken. De kapitein Dibbits, die hetzelve kommandeert, zeilde den 1 mei 1817 uit Texel en bevond zich reeds den 17 juni te Rio-Janeiro. Aldaar tot den 7 juli vertoefd hebbende, koos hij wederom zee en arriveerde den 30 augustus daaraanvolgende in de Peperbaai op Java, zo dat de gehele overtocht slechts honderd-en-één etmalen geduurd heeft. Er zijn geen zieken of doden geweest, noch onder de equipage van het fregat, noch onder de ingescheepte militairen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: twee Kofschepen, als één groot 48 à 49 rogge-lasten en één van 28 rogge-lasten, beide in 1808 uitgehaald en met uitmuntende inventaris voorzien. Nadere informatie bij F.D. Fontein te Harlingen.


12 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 februari. Te Terschelling is binnengekomen D.R. van Wijk (opm: kof VROUW MARTHA), van Rotterdam. Is gedestineerd naar Rouen; zijnde wegens zware lekkagie, verlies van zeilen, ankers en touwen, alhier binnengelopen en zeilt naar Harlingen om te repareren; hebbende dezelve sedert zijn vertrek uit de Maas 34 dagen met slecht weer en contrarie wind in de Noordzee rondgezworven, waarvan 14 dagen in het gezigt van Borcum ten anker gelegen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 februari. Het volgens berigt op het Eiland des Seins verongelukt schip is, blijkens de geborgen goederen, hoogst waarschijnlijk de brik de HOOP, kapt. K. Hillerns (opm: Klaas [ook Claas] Hillerns), van Amsterdam naar Genua, Livorno en Smirna (opm: Smyrna, nu Izmir) gedestineerd, en den 5 november uit Texel gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 12 januari is van Lissabon vertrokken het aldaar binnengelopen schip (opm: smak) de VRIENDSCHAP, kapt. W.K. Engelsman, van Amsterdam naar Marseille.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 11 februari. Aan deze stad is gearriveerd: het schip VROUW ANNEGINA, kapt. S.H. Speld, van St. Martin, met zout.


13 februari 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ten overstaan van Mr. Dull, zal op woensdag 18 februari 1818 des avonds te 6 uren, ten huize van de logementhouder Martens, door de gevolmachtigde in de nalatenschap van Luitje Jans de Vries, publiek worden verkocht: een huis, met een van ouds zeer beklante scheepstimmerwerf, staande en gelegen te Appingedam.
Uit de hand te koop: 2 Vriese kofschepen, het een 48 a 49 roggelast en de andere 28 roggelast, beide te 1808 uitgehaald.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping op Regterlijk Gezag. De provisionele deurwaarder J.A. Nijsloot zal op woensdag den 18 februari 1818, des namiddags ten 2 uren, ten huize van H. Winter in het Heeren-Logement te Harlingen, bij strijk- en verhooggeld verkopen: een Kofschip, genaamd CONCORDIA, met zeil en treil, ankers en touwen, staand en lopend want, bomen en kloeten, zo en in dier voege als hetzelve wordt bevaren bij Wypke Harmens Boerma, en thans is liggende in de haven van Harlingen. En zulks uit kracht van een vonnis van de Regtbank van Koophandel te Leeuwarden van den 18 december 1817, behoorlijk geregistreerd, ten voordele van H. & D. Rahuizen, kooplieden te Amsterdam, en ten laste van W.H. Boerma voornoemd.


  LC - Leeuwarder Courant

Middelburg, 3 februari. Onder de loffelijke pogingen van Middelburgse edeldenkende ingezetenen ter bevordering van de welvaart en bloei dezer stad kunnen wij mededelen, dat op heden alhier door een aanzienlijk aantal ingezetenen is besloten tot de oprichting ener rederij tot verse en zoute visvangst, onder directie van de heren Van der Leije, Van der Meer en Van Beest, met toevoeging van vijf heren commissarissen uit al de deelnemers.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Mr. H. Cannegieter te Grouw zal op maandag den 16 februari 1818, des avonds ten vijf uren, ten huize van Jan Oeges Bakker, kastelein in het zogenaamde koffijhuis te Grouw, publiek bij strijkgeld aan de meestbiedende presenteren te verkopen: een bevaren schuite-schipshol, lang over steven 65 voet, wijd 14 voet, en hol na advenant, waarop geboden is de geringe som van NLG 252,25.


14 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 februari. Volgens extract verklaring, in dato 17 november 1817, te Thisted afgelegd door kapt. O.E. Ockerstrom, gevoerd hebbende het schip ANNA MARIA, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam gedestineerd, was zijn schip, zes voet water in hetzelve ontdekt hebbende, zonder enige storm te hebben uitgestaan, den 13 november door hem en zijn volk verlaten en ca. vier mijlen van de wal gezonken.


17 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 februari. Het schip de GOEDE VERWACHTING, Van der Plas, van Rotterdam naar Londen, den 8 dezer te Harwich binnengelopen, is door de Tolkotter, the GRIPER, aangehouden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 februari. Den 17 januari is bij Fanoe (opm: Fanø ten zuidwesten van Esbjerg) gestrand het schip, gevoerd door kaptein Hatting, van Koppenhagen (opm: Kopenhagen) naar de kust van Guinee; de equipagie is op vier man na gered; het wrak is van daar weg en op de noordwestkust (opm: westkust) van Jutland op strand gedreven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, J.E. Lublink en J.H. Schäffer, makelaars, zullen, op maandag den 23 februari 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Smakschip, genaamd de VERWAGTING, gevoerd door kaptein H. Mulder, lang over steven 73 voet 8 duim, wijd 15 voet 5 en 1 half duim, hol, 7 voet 3 en 1 half duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: de veiling werd uitgesteld tot 2 maart, later tot 8 maart, zie RC 210218)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Door insolventheid (opm: onvermogen tot betalen) van de koper of aanbesteller is uit de hand te koop: een onlangs uitgehaald Tjalkschip, lang 66 voet, wijd 14 voet 7½ duim en hol op de welling ruim 5 voet, met een hek, kleine roef en platte luiken, voorts met zijn staand en lopend want, anker, touwen en verdere annexen, alles nieuw liggende bij de werf van T.L. van der Werf te Gorredijk, bij wie de gegadigden zich kunnen vervoegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Nieuw tjalkschip te koop bij de werf van T.L. van der Werf te Gorredijk.


19 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Kaptein H.C. Holst, voerende het schip EMANUEL, uit het Nieuwe Diep naar Holmstrand gedestineerd, meldt van Bergen, van den 17 januari, dat hij, na het kappen van masten, zeilen en genoegzaam al het touwwerk, aldaar binnengebragt was, doch bij het inkomen op een klip gezeten had, waardoor het schip veel geleden had en zeer lek geworden was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Den 28 december (opm: 1817) is te Stavanger binnengelopen het schip ELISABETH CATHARINA, kaptein Pauss, van Dramme (opm: Drammen) naar Amsterdam, hebbende door aanzeilen schade bekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Kaptein H. Spegth, voerende het schip TRITON, van Rotterdam naar Belfast, meldt van Dartmouth, van den 5 februari, dat hij den 24 januari van de rede van Weymouth vertrokken zijnde, kort daarna, op de hoogte van Goudstaart (opm: Start Point), door westen wind met storm was overvallen geworden, waarom hij, ten einde niet terug te drijven, de rede van Torbay aandeed, en den 31 weder van daar zee koos, doch een uur of drie daarna weder door een westelijke storm, met donder, weerlicht, hagel en sneeuw overvallen werd; bij die gelegenheid werd des nachts het daags anker uit de sjorrings geslagen, kwam hier op den 3 februari weder ter rede van Torbay om zijn tuig te repareren, kreeg ’s nachts alweder storm uit den Z.Z.O, liet een tweede anker vallen en bekwam een loods aan boord; moest vervolgens de touwen kappen en kwam sedert te Dartmouth binnen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 februari. Den 4 februari is van Portsmouth vertrokken het schip de JONGE PIETER JACOB, kaptein J. Johannesen, van Amsterdam naar de Berbice; die zelfde dag van Cowes het schip SANDRINA CORNELIA, kaptein B.J. Booysen, van Rotterdam naar Surinamen.


20 februari 1818


 LCO - Leydsche Courant

Op 4 februari zijn van Cowes vertrokken de schepen de JONGE ANNETTE (opm: fregat, thuishaven Brugge), kapt. G. van den Broeke en CHRISTINA BERNARDINA, kapt. H.F. Zeijlstra, van Amsterdam naar Batavia.
PGC 200218
Advertentie. Mr. Herman Trip, notaris te Groningen verkoopt op 27 februari. 1818, des avonds te 6 uren, o.a:
- 2/4 aandeel in het kofschip VROUW GEZIENA, kapitein Roelof F. Taay, liggende te Antwerpen. Boekhouder B. Onnes.
- 3/16 Aandeel in Kofschip ALIDA, kapitein Jan Assies, liggende te Amsterdam, boekhouder M. Buitenwerf.
- 1/16 Aandeel in het Kofschip ALIDA, plusminus 100 roggelasten, kapitein IJbe Jans Schelts, liggende te Amsterdam, boekhouder M. Buitenwerf.
- 1/32 Aandeel in het Kofschip de VRIENDSCHAP, groot 65 roggelasten, gevoerd en als boekhouder, geadministreerd wordende door Geert H. Haverbult, thans liggende te Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Eén à twee scheepstimmer-knechten, die hun werk goed of gedeeltelijk verstaan, kunnen direct aan goedbetaald werk komen bij Sikke Hendriks te Oosterlittens, waarvoor in mei een kamer ledig is.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 19 februari. Den 14 dezer is uit deze haven gezeild het schip NEPTHUNUS, kapt. Jan R. van Holtinga, van de Lemmer, komende van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) en alhier met schade binnen geweest.
Den 16 dezer is uitgezeild het schip de VROUW MARGARETHA, kapt. Hubert H. Steur, naar Duinkerken.
Den 17 dezer is binnengekomen het tjalkschip de TWEE GEZUSTERS, kapt. Berend H. Korfker, beladen met gerst, komende van Hamburg en gedestineerd naar Schiedam. Het moet lossen om te repareren.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wijma te Harlingen zal aldaar op woensdag den 18 maart 1818, des namiddags ten 2 uren bij de beschrijving en des avonds ten 6 uren bij de finale palmslag, telkens bij H. Heep in de herberg Roma, publiek bij strijkgeld presenteren te verkopen: een welbezeild Kofschip genaamd de VROUW CATHARINA, lang over steven 99 voet, wijd 22 voet 3 duim, en hol 11½ voet, met al zijn rondhout, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil en verder daarbij zijnde scheepsgoederen; breder volgens inventaris vermeld, en zodanig het wordt bevaren door Corns. S. de Jong (opm: kapt. Cornelis Siewerts de Jong) en is liggende in de Zuiderhaven te Harlingen. (opm: op 3 april 1818 werd de zeebrief geretourneerd onder vermelding schip wordt gesloopt)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Mr. E.E. Wielinga van Scheltinga gedenkt op maandag den 2 maart 1818, des namiddags ten 3 uren, ten huize van IJ. Douwes in het Schippershuis in het Vliet bij Leeuwarden, bij de provisionele palmslag te verkopen: een extra best, snelzeilend, nieuw Schuite, lang 50 voet, wijd 11 voet en hol op zijn berghout 3¼ voet, met kleden over de luiken, en met mast, zeil en treil, zo in dier voege als hetzelve thans is liggende op het Groot Schavenek te Leeuwaren en wordende bevaren bij H. Eichelaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Sedert de maand september 1817 is in het zogenaamde Oude Diep onder Oldeboorn in de grietenije Utingeradeel liggende een schuite-schip, lang 45 voet, wijd 11 voet, en hol na advenant, laatst bevaren door zekere Jan Johannes Gustus. Door middel dezer courant wordt opgeroepen een ieder, die vermenen zou gedachte schuite-schip in eigendom toebehoren om voor of uiterlijk den 14 maart 1818 zich met deugdelijke bewijzen aan de ondergetekende aan te melden, zullende bij gebreke hiervan zodanig in rechten worden gehandeld als men zal goedvinden te behoren.
Oldeboorn, 19 februari 1818 Jan H. Hanses, bediende der politie


21 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 februari. Te Marseille aangekomen W.K. Engelsman, van Amsterdam, laatst van Lissabon; dezelve heeft slecht weer gehad en zeilen en sloep verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, T. van Olivier, J. van Ouwerkerk de Vries en J.E. Lublink, makelaars, zullen, op maandag den 23 februari 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Galjas-schip, genaamd ZORG EN VLYT, gevoerd door kaptein J.E. Swart, lang 83 voet, wijd 23 voet, hol 11 voet 5 en 1 half duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris, en berigt bij de makelaars. (opm: kapt. Jan Eilders Swart tekende in Amsterdam op 24 maart 1818 een nieuwe monsterrol op dit schip)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De veiling van het tegen maandag den 23 februari 1818, door de makelaars J.H. de Witt, J.E. Lublink en J.H. Schäffer, ter verkoop aangeslagen smakschip, genaamd de VERWAGTING, gevoerd door kaptein H. Mulder, wordt uitgesteld tot maandag den 8 maart 1818. (opm: zie RC 170218)


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie: Vracht voor Amsterdam met het welbezeild Hollands pinkschip ANTOINETTA EN JACOBA, kapt. Foppe Baas, zeilree zijnde tegen medio maart, zijnde alsmede goed ingericht voor passagiers. Adres bij G. Tibbe, ten huize van J. van Reenen.


24 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 februari. Volgens berigt der loodsschuit heeft kaptein C. Roos, voerende het schip de JOHANNA MARIA, komende van Smirna (opm: Izmir) en gedestineerd naar Rotterdam, den 20 februari een loods aan boord gekregen en den 22 dito door dezelfde loodsschuit, voor de Maas, op 12 vadem water gepraaid.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen, 19 februari. Den 17 dezer is van hier gezeild Zr.Ms. brik DE BRUINVISCH, gekommandeerd door de luitenant Jolly, naar Hellevoetsluis, met vrijwilligers. (opm: onjuist, zie DC 260218)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 23 februari. Den 20 dezer is uitgezeild het galjasschip HENRIETTE EN JACOB, kapt. Jacob Kroeck, met pannen naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).
Den 21 dito is uitgezeild het kofschip de JUFVROUW MARGARETHA HENDRICA, kapt. Cornelis J. van der Veer, met pannen, kalk en ballast naar de Oostzee, en het tjalkschip LORD WELLINGTON, kapt. Hendrik S. Hofhuis, met haver naar Duinkerken.
Heden (opm: 23 februari) arriveerde alhier het kofschip NEPTHUNUS, kapt. H. Harmens, van Londen.


26 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 februari. De HARMONIE, Blew (opm: Blauw ?), van Middelburg na de Kaap de Goede Hoop, den 9 februari in Kadix (opm: Cadiz) binnengelopen met schade, zoude waarschijnlijk weder spoedig in staat zijn de reis te vervorderen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 februari. Den 21 februari is, tussen Noord- en Zuid-Beveland, na verlies van zwaarden, anker en boot, gestrand het jagt de …(opm: naam niet ingevuld), kapt. Van den Berg, van Rotterdam met passagiers naar Middelburg; de passagiers en equipagie hebben zich geborgen; men hoopte het vaartuig af te brengen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen. In een dagblad van New-York van den 17 januari, vindt men dat het Hollands schip APRIL (opm: kapt. Dirk Cornelis de Groot), hetgeen enige tijd geleden van Amsterdam te New-Castle op de Delaware aangekomen is, met 1100 passagiers, meerder dan 500 passagiers op deszelfs reis verloren heeft. (opm: zie RC 030218 en RC 280218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Tentye, makelaar, zal, op maandag den 2 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmer Dijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd CORNELIS EN PETRUS, laatst gevoerd door schipper J.B. Kooystra; is in het jaar 1796 nieuw uitgehaald, in 1812 een nieuwe mast en steng ingezet, in 1816 een nieuwe grenen spijker-huid omgelegd en een nieuwe boot bij gekomen, lang 106 voet, wijd 24 voet, hol 13 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaar en bij Van Heynen en Tentye.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen, 23 februari. In de laatst vorige zeelijst is vermeld dat Zr.Ms. DE BRUINVISCH naar Helvoet was gezeild, zulks is abusief opgegeven; zijnde het kanoneerbrik No. 17 geweest.


27 februari 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 21 februari. Heden zijn zeer voorspoedig en gelukkig te water gelopen Zr.Ms. korvetten de LYNX en de DOLFIJN, zijnde eerstgemelde, na het te water liggen reeds dadelijk gemast (opm: van masten voorzien).


 LCO - Leydsche Courant

In de nacht van 13 februari is op Goodwin Sands verongelukt het schip ORION, kapt. H.H. Wey, van Rotterdam naar Dublin. De equipage is gered en van de lading zijn circa 150 tonnetjes lijnzaad te Deal en Ramsgate binnengebracht.
(opm: van de ORION, bouwjaar < 1814, is het scheepstype niet duidelijk; de eerstbekende koopakte spreekt van smak, de tweede van kof; kapt. Harm Harms de Weij)


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een scheepstimmer-schuur te koop, lang 112 voet, wijd 36 voet en hoog onder zijn vierkant 27 voet. Gemaakt van best grenen hout. Vragen naar Age Jacobs te Woudsent.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De griffier W.K. Hoekstra te Dronrijp gedenkt publiek aan de meestbiedende te verkopen: een Schuite-schip, lang over steven 53 voet, wijd 12 voet en hol naar rato, met twee stel zeilen, kluiffok, staand en lopend want, anker en touw en verder deftig toebehoren, in 1811 nieuw uitgehaald en bij Jacob Arjens v.d. Wal als eigenaar bevaren. Wie gadinge maakt, kome op zaterdag den 14 maart 1818, des namiddags ten 3 uren, in de herberg de Posthoorn te Dronrijp. Iemand intussen genegen zijnde gemelde Schuite-schip uit de hand te kopen, kan zich vervoegen bij de eigenaar of griffier Hoekstra te Dronrijp. (opm: LC 060318: verkoop gaat niet door, zijnde inmiddels uit de hand verkocht)


28 februari 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 februari. Het verheugt ons in staat gesteld te zijn om, op goede gronden, te verklaren, dat het berigt, in onze vorige courant, artikel Londen geplaatst en uit een Engels dagblad overgenomen, dat het Hollands schip APRIL, met 1100 passagiers van Amsterdam op de Delaware gearriveerd was, na meer dan 500 passagiers op de reis te hebben verloren, geheel bezijden de waarheid is. Het schip APRIL, kaptein De Groot, is van Amsterdam vertrokken, niet meerder dan 500 passagiers aan boord hebbende, en heeft dezelve met een zeer gering verlies aan doden en de overigen ongemeen gezond en wel te vreden overgebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 februari. Gisteren middag binnengelopen Zijner Majesteits oorlogsbrik IRENE, kapt. Luitenant. N.A. de Vries, van Port-Mahon; heeft den 14 dito op 36º22’ N.B. 7º13’30” lengte bewesten Greenwich, in goede staat gepraaid een Hollands koffschip, gevoerd door kaptein Van den Dijk, denkelijk het schip PROVIDENTIA. Kaptein J.F. Papendijk, van Kadix (opm: Cadiz) naar Amsterdam; dezelve werkte om Kaap St. Vincent te doubleren.


02 maart 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, 28 februari. Den 23ste is te Ramsgate binnengelopen het schip (opm: brik) MARIA, kapt. H.A. Balmer, van Amsterdam naar Suriname.


03 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. De expeditie naar de Noordpool is geheel uitgerust, en zal, zo men verzekert, den 24 maart onder zeil gaan. De schepen zijn voorzien van alles wat maar enigszins strekken kan tot de gezondheid en het welzijn der personen, die deze gevaarlijke togt ondernemen. Dezelve hebben zeer veel half gezoute vlees en groenten aan boord, alsmede veel hout en planken om de schepen te dekken, en de zeelieden tegen de felle koude te beschermen, indien men in het ijs mogt blijven zitten. De ISABELLA en de ALEXANDER zullen Noord-West naar de Straat Davis zeilen, en een weg zoeken om langs het vaste land van Amerika in de Stille Zee te komen. De DOROTHEA en de TRENT moeten naar het oosten van Groenland en naar het noorden stevenen, om te trachten aan de Pool, en van daar in de Straat van Bahring (opm: Bering Straat) te geraken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. De havens van dit land staan thans open voor de invoer van koren, garst en haver, uit de havens tussen Jutland en Spanjen, gedurende de tijd van zes weken, en uit elke andere haven gedurende drie maanden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. Het schip (opm: fregat) de NIEUWE ZEELUST, kaptein K. Fredriks, van Amsterdam met troepen naar Batavia, is den 25 dezer (opm: februari) te Duins (opm: The Downs) binnengelopen, met verlies van de fokkemast, boegspriet, grote steng zeilen, enz; zijnde door een ander schip bij Beachy Head aangezeild. (opm: zie RC 170318 en 280518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. De Nederlandsde oorlogsbrik de ZWALUW, L. Bolken, uit Texel naar de kust van Guinee gedestineerd, is den 24 dezer (opm: februari), met verlies van giekboom en zeilen, te Plymouth binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. Den 26 februari is op de Haaks van Texel vervallen het Amerikaans schip JOSEPH, kaptein J. Patch, met tabak, van Norfolk naar Amsterdam. De equipagie is gered en op Texel aan land gebragt; van het schip en de lading zal denkelijk weinig teregt komen.
Volgens nader berigt, van den 27 dito, was hetzelve die nacht verbrijzeld en de lading drijvende; zijnde enige vaten tabak en tabaksstelen op Texel aangebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 maart. Den 10 december, anno passato (opm: verleden jaar), zijn van de Kaap de Goede Hoop vertrokken de schepen CORNELIA (opm: fregat), kapt. F. Sipkes, en VREDE, kapt. P. Douwes, en den 16 dito de KOORNZAAIJER, kapt. A. Smit, HESTER EN MARIA, kapt. Ogilve, en BLUCHER, kapt. Kerr, naar Batavia, de drie eerste van Amsterdam. (opm: de laatste twee waarschijnlijk geen Nederlanders)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Tentye, makelaar, zal, op maandag den 16 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Galjas-schip, genaamd PETRONELLA MARTA, gevoerd door schipper P. van Zouw, lang 104 voet, wijd 27 voet 3 duim, hol 11 voet 3 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris. Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop. Nader berigt bij de makelaar en bij Van Heynen en Tentye.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 21 februari is te Cowes binnengelopen het schip (opm: pink) AURORA, kapt. A. Ahlers, en den 22 het schip (opm: pink) SPECULATION, kapt. T. Pietersz, van Amsterdam naar Suriname.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 27 februari. Kapt. Gulager, gisteren in Texel binnen gekomen, meldt, dat den 28 oktober (opm: 1817) te gelijk met hem van Batavia is gezeild Zr.Ms. schip van oorlog AMSTERDAM, alsmede, dat aldaar was aangekomen het schip de HOOP (red. LC: waarschijnlijk HOOP EN FORTUIN, kapt. Gordon, met troepen).


05 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 maart. Kaptein Z.K. Schut, voerende het kofschip de VROUW MARIA, van Amsterdam naar Bordeaux gedestineerd, meldt uit het Nieuwe Diep, alwaar hij sedert veertien dagen ligt te wachten op gunstige wind, dat zijn schip in de laatste stormen geen schade bekomen heeft, en met de lading in goede staat is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 maart. Volgens een brief van Batavia, van den 18 oktober (opm: 1817), waren aldaar destijds liggende de Nederlandse schepen COLUMBUS, kapt. H. van Uijen, WATERLOO, kapt. D. Hensken, de HOOP, M.D. Ihnken, l'AUGUSTE, kapt. J. Grevelink, FORTITUDE, kapt. S. Aggensz, en SEMILA (opm: SELIMA), kapt. Gideon Jansen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 4 maart. Te Amboina (opm: Ambon) is gearriveerd het schip INDUSTRY, J.H. de Weerdt, en te Sourabaya Zr.Ms. Oorlogsfregat WILHELMINA, kaptein Dibbets, beiden van Batavia; te Batavia Zr.Ms. Oorlogschip TROMP, kapt. J. Noye, van Vlissingen, laatst van Rio de Janeiro, en is naar Sourabaya vertrokken, en Zr.Ms. Korvet DE EENDRAGT, kapt-luit. Bakker, met troepen uit Texel.


06 maart 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 3 maart. Heden is alhier uitgezeild het schip de JONGE CORNELIS, kapt. Jelle H. van der Laan, met dakpannen naar de Oostzee.


07 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 maart. Volgens een brief van Surinamen, van den 15 december (opm: 1817), zou in de eerste dagen van februari van daar vertrekken het schip de VROUW GERARDA, kapt. M. Jurgens, alsmede dat onder de schepen, welke het eerst de terugreis uit de Kolonie zouden aannemen, zich bevonden de COURIER, kapt. A. van Dyk, ELISABETH EN ANNA, W. Trippensé, en de ZEEMEEUW, kapt. L. de Vries, alle te Rotterdam thuis behorende en deels derwaarts en deels naar Amsterdam gedestineerd.


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading schipper J.G. van Heusden, naar Venlo, Maashees, Roermonde en verdere omliggende plaatsen, tot den 10 dezer maand maart.
Adres bij de Wed. Hendrik van der San Jzoon.


10 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart. Heden morgen is op de Noorder Haaks komen te vervallen en totaal verongelukt het Fregatschip de CHRISTOPHER GARI, kaptein J. Johnson, van New-York naar Amsterdam, met een lading tabak, suiker en rijst; de kaptein en enige van het volk zijn gered en op Texel aangekomen; ook waren aldaar enige vaten tabak aangespoeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 maart. Het schip HET VOGELTJE, kaptein D. Lucas, van Amsterdam naar Duinkerken gedestineerd, is in de nagt van den 28 februari, bij storm, tussen Veere en Vlissingen op strand geraakt; aldaar zwaar gestoten en veel water ingekregen hebbende, is het met zwaar pompen den 2 maart te Middelburg binnengelopen, alwaar het moet lossen om te repareren.
MCO 100318
Vlissingen, 3 maart. Naar Antwerpen is de Schelde opgevaren de DILIGENTIA (opm: Zuid-Nederlandse brik), kapt J. Stainton, van Havre de Grace, met rijst.
5 Maart. Naar Antwerpen de Schelde opgevaren de VIGILANTIE (opm: smak), kapt. J. van Duivenbode van Londen met koffie en suiker.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 maart. Te Sourabaya is gearriveerd, Zr.Ms. oorlogsfregat WILHELMINA, kapitein Dibbets, van Batavia.
Te Batavia is gearriveerd Zr.Ms. oorlogsschip TROMP, kapitein J. Noije, van Vlissingen, laatst van Rio de Janeiro, en is naar Sourabaya vertrokken Zr.Ms. oorlogskorvet EENDRAGT, kapitein luitenant Bakker, met troepen uit Texel.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 6 maart. Heden zijn alhier uitgezeild het smakschip de VROUW ZUSTER, kapt. Volkert H. Klein, met tarwe en haver naar Leith, en het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. Tæke J. van der Veer, met pannen naar de Oostzee.


12 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 maart. In de nacht tussen den 6 en 7 maart zijn, na verlies van ankers en touwen, van de rede van Texel op de Noordwal aan de grond gedreven de schepen ATTALANTA, kaptein J. Stoffers, van Amsterdam naar Surinamen, en CRETERION, kaptein H. Scherburne, van Baltimore naar Amsterdam; de eerste zit op de zogenaamde Steile Bank en de laatste op de zogenaamde Schanser Waard; beide hebben schuiten bij zich tot adsistentie.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 maart. Kaptein R. Hancock, voerende het schip the HOPE, van Baltimore, na een reis van 26 dagen, den 2 maart in Texel binnen, heeft den 7 februari, op de lengte, 38-15 breedte, in een zeer ellendige staat ontmoet de schooner SUPERB, kaptein R. Fremer, den 10 december van Rotterdam naar New York vertrokken; dezelve was, na 55 dagen met tegenwinden en zware stormen in zee te zijn geweest, door een hevige storm op zijde geworpen; de boten en al wat op het dek was, waren er afgeslagen, waarom men alle de raasten en het want had moeten kappen, in welke staat het schip drie dagen had rondgezworven; de provisien geheel uitgeput zijnde, heeft kaptein Hancock een passagier overgenomen, de equipagie, die in opstand was, het nodige bijgezet en geraden het schip, hetwelk een volkomen wrak was, te verlaten en het geen van waarde was hem over te geven.


13 maart 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Een à twee scheepstimmerknechten kunnen werk krijgen bij weduwe Haike Pieters van der Werf in Drachten.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 10 maart. Heden is alhier uitgezeild het kofschip de LAMBERTHA, kapt. Feije Remts Coercamp, naar Buzum (opm: Busum) met muursteentjes, vloeren, pannen en uurwerken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip met lange plechten, oud 9 jaren, lang 56 voet, wijd 12½ voet, hol 4 voet, met twee ankers, twee nieuwe ankertouwen, een zeil groot 130 en een dito van 75 ellen, verdere zeilen, kleden, staand en lopend touwwerk, enz, alles zeer wel onderhouden, liggende aan het einde van de Grachtswal naar de Wirdumer Poort. Adres aan de weduwe van Feike Wytzes, eigenaresse van gemeld schip op voorschreven plaats.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een scheepstimmerwerf met twee end-hellings en het daarbij horende huis, even buiten Sneek. Informaties bij Age van der Werf, scheepstimmerbaas te Sneek.


14 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Parijs, 9 maart. De Nederlandse brik L’AMITIẾ (opm: de scheepsnaam was DE VRIENDSCHAP, thuishaven Antwerpen, kapt. Klaas Nieuveen), van Ostende, met ballast, is op de kusten van Boulogne gestrand, en de equipagie, die uit tien man bestond, gelukkig gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Veere, 8 maart. Gisteren namiddag te half vijf uren zag men alhier met een allerhevigste storm in het Veergat binnenkomen een schip, waarvan men door de ontzettende regen- en hagelbuijen het kaliber niet kon onderscheiden; dan, bij het ophelderen dezer buijen, bleek het een brikschip te zijn, hetwelk zo na aan het lager (opm: lagerwal) was, dat men niets anders vreesde of het schip zoude met de gehele equipagie gebleven zijn, wijl de storm tot zulk een hoogte toenam, als of het water uit het water stormde. Ten zes uren des avonds, de wind enigszins bedarende, ondernam de manmoedige Antheunis But, schipper op de loodsboot No. 4, om met deszelfs schuit zich naar bovengemeld schip te begeven. Ondanks het geduchte weder, gelukte het echter gemelde schipper, om twee zijner loodsen aan boord van meergemeld brikschip te brengen, welke loodsen met dit schip een nacht van zware storm hebben doorgebracht; hebbende zij hetzelve op heden, na verlies van ankers, touwen en zware avarij, alhier aan het hoofd gebragt en vast gemeerd, met laag water. Niettegenstaande dit schip veertien voet diep lag, bleef hetzelve echter vlot leggen. Hetzelve is genaamd de HARMONIE, kaptein Lewis Dedwith, komende van Londen, gedestineerd naar Antwerpen, met koffij, suiker, katoen, verwhout en andere koopmanschappen.
Volgens getuigenissen van gemelde kaptein, zijn er woensdag den 4 dezer veertien schepen te Margate en 16 te Duins gestrand en gebleven, welk ongeval meergemelde kaptein getuigt gedeeltelijk zelf gezien te hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen (opm: onder anderen) het schip ENGELINA HENDRICA, kaptein H. Fredriks, van St. Petersburg, bestemd naar Bordeaux, laatst van Harlingen, alwaar hij wegens schade binnengeweest was, die, aldaar hersteld zijnde, den 14 februari vertrokken en uit het Vlie naar zee gezeild is; was tot het eiland Wight en tweemaal onder de Cingels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) geweest, doch terug gestormd; komt om contrarie wind en slecht weer binnen; heeft schade aan zeilen en touwwerk.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Op de Zuidwal van Texel is, na verlies van ankers, aan de grond gedreven het schip LOUISA, kapt. J.R. Rundstrom, van Marseille naar Antwerpen; bij hetzelve is een schuit tot adsistentie.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Den 9 maart is te Petten gestrand een Engels sloepschip, gevoerd door kaptein Edwets (opm: Edwards?), met ballast, van Santain (opm: niet gevonden) naar Falmouth; de kaptein en twee man zijn gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Het schip FRANKLIN, kapt. C.C. Swaan, van Amsterdam naar Batavia, was den 5 maart, met verlies van twee ankers en touwen, ter rede van Margate aangekomen; het schip (opm: fregat) LIEVE MOES, kapt. J.C. Jandroep, van Amsterdam naar Curaçao, was mede den 5 maart van Deal te Ramsgate binnengekomen; ook was Zijner Majesteits oorlogsbrik de KOZAK, luitenant ’t Hooft, naar de Middellandse Zee gedestineerd, na in Duins (opm: The Downs) een anker en touw verloren te hebben, naar Ramsgate gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Den 1 oktober (opm: 1817) lag te Canton, om de lading in te nemen, het Middelburger schip de ZEEUW, kaptein L. Woutersen; hetzelve was, benevens de equipagie, in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 maart. Te Rouaan is gearriveerd J. Kraan, van Rotterdam, laatst van Havre en Honfleur, alwaar hij, wegens zware avarij, is binnen geweest. (opm: mogelijk de tjalk ONRUST)


  DC - Dordtsche Courant

WIJ WILLEM, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Groot Hertog van Luxemburg, enz, enz, enz.
Alzo wij in ervaring gekomen zijn, dat binnen enige gemeenten van ons rijk, bij plaatselijke keuren, regimenten, verordeningen, als anderzints, aan schippers, eigenaars of bewindvoerders van schepen, schuiten of vaartuigen, aldaar niet te huis behorende, of wonende, verboden is of belemmering wordt toegebragt, om binnen zodanige gemeente, in de, alzo door hen gevoerd wordende schepen, schuiten of vaartuigen, enige goederen, koopmanschappen of waren in te brengen of ter vervoer naar elders in te laden; of dat, hun zulks veroorloofd worden, zij daarvoor bepaaldelijk aan de betaling ener plaatselijke retributie of belasting onderworpen worden.
Overwegende, dat zodanige plaatselijke inrigtingen alleszins strijdig zijn met het aangenomen stelsel van 's rijks belastingen, en bepaaldelijk met de wet op het patent van 11 februari 1816 (Staatsblad Nr. 14), in verband met die van 15 september deszelfden jaars, betrekkelijk het binnenlandse lastgeld (Staatsblad Nr. 45), en het 206e artikel der wet van den 3 october daaraanvolgende, over regten van in- en uitvoer (Staatsblad, Nr. 58). als uit krachte waarvan, ieder eigenaar, schipper of bewindvoerder van schepen, schuiten of vaartuigen, zijn beroep binnen de gehele omtrek des rijks kan aanvangen en uitoefenen, zonder daartoe enig ander verlof, consent, acte, of wat het ook anders mogte zijn, waarvan de vordering niet bij de wetten van de lande wordt vrijgelaten, of geëischt, te behoeven;
Gezien het advies van onze minister van binnenlandse zaken;
De raad van state gehoord;
Hebben besloten en besluiten:
Art. 1. Alle plaatselijke keuren, reglementen, verordeningen of andere bepalingen hoe ook genaamd, waarbij aan eigenaars, schippers, bewindvoerders van of over schepen, schuiten of vaartuigen, binnen zodanige plaats of gemeente niet te huis behorende of gevestigde zijnde, enige belemmering of beperking wordt toegebragt, om aldaar in de alzo door hen gevoerd wordende schepen, vaartuigen, of schuiten, eenige goederen, koopmanschappen of waren in te brengen of ter vervoer naar elders te laden, worden bij dezen voor vervallen verklaard en buiten werking gesteld; en wordt mitsdien aan een iegelijk vrij en onverlet gelaten, om zich, tot het laden of vervoeren van goederen, waren, koopmanschappen, van zodanige schipper, of bewindvoerder van of over schepen, schuiten en vaartuigen, te bedienen, als hij zal geraden vinden; mits, deze, overeenkomstig de wet van den 15 september 1816, betrekkelijk het middel van het binnenlandse lastgeld (Staatsblad Nr. 45), van een behoorlijke lastbrief voorzien zij; mitsgaders, dat zodanige Nederlandse schepen, welke binnen- en buitenlandse reizen doen, volgens Art. 8 derzelve wet, van een tweeledige lastbrief zijn voorzien, en dat van dezelve, bij het doen van buitenlandse reizen, op het inkomen en op het uitgaan, een lastgeld worde betaald, overeenkomstig het gestatueerde bij het 206e Art. der wet over de regten van in- en uitvoer van den 3 october 1816 (Staatsblad Nr. 53).
2. Geen plaatselijke retributie of belasting, waardoor vreemde schippers, boven de in zodanige gemeente te huis behorende, bezwaard worden, zullen voortaan meer geheven worden.
3. Door het, bij het eerste artikel hier boven, gestatueerde wordt echter niet gederogeerd (opm: afgeschaft) aan de binnen onderscheidene gemeenten en plaatsen bestaande inrigtingen en verordeningen op beurt- en veerschepen, van de ene plaats op de andere, op vaste dagen en uren varende, alle welke inrigtingen blijven in volle kracht.
En op dat niemand hiervan onwetendheid voorwende, zal het tegenwoordig besluit worden geplaatst in het Staatsblad.
Gegeven in 's Gravenhage, den 1 maart des jaars 1818, het vijfde van onze regering.
(geteekend) WILLEM


17 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 10 maart. Den 27 februari is het schip de NIEUWE ZEELUST, K. Fredriks, van Amsterdam met troepen naar Batavia, te Ramsgate masteloos binnengelopen. (opm: zie RC 030318 en 280518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 10 maart. Het schip de DRIE GEBROEDERS, Ilias, van Antwerpen naar Douvres, is lek te Ordenske Kirk (opm: waarschijnlijk een plaatsje aan Engelse Zuidkust) binnengelopen; moest lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 13 maart. In het laatst van december (opm: 1817) is het schip AMSTERDAM, van 74 stukken (opm: Zr.Ms. linieschip AMSTERDAM, 80 stukken), met een lading suiker, koffij, enz, van Batavia naar Holland gedestineerd, In de Algoa-baai, aan de Kaap-de-Goede-Hoop, alwaar hetzelve masteloos binnengelopen was, totaal verongelukt. (opm: zie RC 210318)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 13 maart. Het schip ZEELAND, Matson (opm: Gerrit Metzon), van Middelburgh naar Kadix (opm: Cadiz), is gisteren in het Dok te Ramsgate, alwaar het lek binnengelopen was, op zijde geslagen; de lading is gelost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 13 maart. Den 12 dezer is het schip de ZEEMEEUW, Plug, van Lissabon naar Rotterdam, laatst van Falmouth, met een gebroken roer te Cowes binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Uitgezeild van Texel SAMARANG, J. Scholtijs, en WILHELMINA, L. Eelman, met troepen naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Van Terschelling wordt van den 4 dezer gemeld, dat het schip de ONDERNEMING, T. Swart, van Berbice naar Amsterdam, hetwelk, volgens berigt, naar het Amelander Gat gezeild was, reeds zwaar lek zijnde, door de laatste stormen op de droogten, tussen de oostpunt van Terschelling en Ameland, gestrand was en in de grond zat; vijf schuiten, met een gedeelte der lading koffij, zo droog als beschadigd, uit hetzelve geborgen, waren den 3 dezer des avonds op Terschelling aangekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. Den 28 februari is te Kinsale lek binnengekomen, en moet lossen om te repareren, het schip JANSON, R. Heks, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 maart. Van Vlissingen wordt van den 12 dezer gemeld: wegens zware lekkagie is alhier in de haven binnengelopen het schip de JONGE JOSEPHA, P. Sparreboom, van Antwerpen naar Londen gedestineerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

De Minister voor de Marine van Zijne Majesteit de Koning der Nederlanden brengt, bij deze, ter kennis van de Zeevarenden en verder daarbij belanghebbenden, dat het kapitale Kustlicht, op de Engelse wijze ingerigt en gesteld op de Toren van Westkapelle in het Eiland Walcheren (Provincie Zeeland), waarvan de oprigting voorlopig den 21 november 1817 in de Nederlandse Ciuranten is geadverteerd, op den 20 maart eerstkomende, met zonnen ondergang, zal ontstoken worden, en dat hiermede vervolgens alle nachten zal worden voortgegaan, ten einde de Zeeman voortaan, zowel des zomers als des winters, tot een baak te strekken.
’s Gravenhage, den 5 maart 1818
De Minister voornoemd, J.C. van der Hoop


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 maart. In de nacht, tussen den 8 en 9 dezer, is nevens het Oosteinde van Terschelling gestrand het schip the MARY, kapt. S. Webb, van Londen naar Rotterdam, geladen met koffij, suiker, tabak en katoen; het volk is geborgen en van de lading trachtte men zo veel mooglijk te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De houders der connossementen van 130 balen katoen, gemerkt met een ruit en F daarin, geladen geweest in het schip L’ALLIANCE, kaptein S.S. Webb, van Londen naar deze stad bestemd, doch op Terschelling gestrand, worden verzocht zich ten spoedigste aantemelden ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer, te Rotterdam, ten einde onderrigt te bekomen wegens het geborgene gedeelte.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Den 28ste februari is met verlies van de grote ra te Plymouth binnen gelopen het schip (opm: fregat) APOLLO, kapt. G.H. Quedens, van Antwerpen naar Rio de Janeiro.


  LC - Leeuwarder Courant

Londen, 6 maart. Naar men verneemt, heeft men op een Nederlands linieschip in de Middellandse Zee een complot ontdekt, strekkende om zich van de officieren meester te maken en vervolgens met het schip naar Amerika te zeilen, ten einde zich met de insurgenten (opm: opstandelingen) te verenigen. De bevelvoerder van gemeld schip is in Gibraltar binnengelopen en heeft de aanvoerders van het complot in de gevangenis doen brengen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 14 maart. Den 12 maart zijn alhier uitgezeild: het smakschip de JONGE WILLEM, kapt. Klaas Pieters Faber, met haver naar Londen, het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met haver, tarwe, klaverzaad en ruw vlas naar Hull, het smakschip (opm: tjalk) MARIA SOPHIA, kapt. R.D. Lovius, met haver naar Londen en het kofschip MERCURIUS, kapt. J.B. van den Oever, met haver, tarwe en klaverzaad naar Newcastle.
Den 13 dezer zijn uitgezeild het kofschip de JONGE DIRK, kapt. Thomas J. Smith, met tarwe naar Lissabon, en het smakschip VIGELANTIE, kapt.Rinse Harmens Smit, met tarwe, haver en klaverzaad naar Hull.


19 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Volgens berichten van Texel, van den 16 dezer, was die vorige dag van de Zuidwal in vlot water gekomen en aldaar in de haven binnengebragt het schip LOUISA, kaptein Rondsbruin, naar Marseille.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Den 12 dezer is, na verlies van twee ankers en touwen, te Medemblik binnengelopen het schip ELEONORA, kaptein B. Wulff, van Amsterdam naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Het schip NEPTHUNUS, kapt. H.J. Leeuw, van Amsterdam naar Bordeaux gedestineerd, den 13 maart uit Texel gezeild, heeft, tijdens hetzelve onder de Vlieter ten anker lag, door aanzeiling van het schip ATALANTA, kapt. J. Stoffers, naar Surinamen bestemd, schade bekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Het schip de VROUW SARA JOHANNA, kaptein H. Douwes, van Amsterdam naar Havana gedestineerd, heeft, in de nacht, tussen den 8 en 9 maart, ter rede van Texel, door aandrijving van een schooner, enige schade bekomen en is in het Nieuwe Diep gezeild om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Kapt. B.J. Smeengh, voerende het schip MARIA CATHARINA, van Amsterdam naar Kadix (opm: Cadiz) bestemd, den 15 dezer in Texel uit zee terug gekomen, meldt tot voor het Eiland Wight geweest te zijn, enige schade aan tuigagie en roer bekomen te hebben, als ook dat zijn boot op dek aan stukken geslagen is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 maart. Brieven van Curaçao tot den 2 januari melden, dat het brikschip CERES, kaptein M.A. Jacometti, van Rotterdam derwaarts gedestineerd, den 27 december (opm: 1817) ’s avonds op het rif van Bonaire vastgezeild was, en denkelijk zoude weg zijn; de equipagie was gered, en men zou de lading bergen.
Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Hilbrands, van Amsterdam, laatst van St. Eustatius komende, was Curaçao misgezeild, en in de vorige week te Aruba aangekomen, van waar de goederen met kleine vaartuigen naar Curaçao zouden gebragt worden, alzo het schip uit hoofde van de zware stroom derwaarts niet kon opkomen.


20 maart 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 10 maart. Hetgeen voor enige weken op ons eskader in de Middellands Zee gebeurd is, en verschillende buitenlandse nieuwsschrijvers stof tot zeer onnauwkeurige en doorgaans vergrote berichten heeft gegeven, bestaat in een door de bottelier van het schip WILLEM DE EERSTE gesmeed en aan enige deks-officieren en mariniers smakelijk gemaakt ontwerp om zich van dat schip, wanneer het Port Mahon zou hebben verlaten, meester te maken en het uitzicht op een aanzienlijke beloning aan de Algerijnen over te leveren. In de laatste dagen van december (opm: 1817) werd men gewaar, dat er zo iets gaande was, en dit gaf de vice-admiraal Van Braam gelegenheid om op nieuwjaarsdag de verzamelde equipage in ronde en krachtige zeemanstaal hun plichten jegens de koning en het vaderland voor te houden. Dadelijk daarop volgde de ontdekking der hoofd-aanleggers van de misdaad en derzelver terechtstelling voor een krijgsraad. Voornoemde bottelier, met name Bakker, werd volgens het gestreken vonnis aan boord van het fregat AMSTEL opgehangen, en de anderen met kielhalen en laarsen (opm: iemand met een dik eind touw slaan, c.q. afstraffen) gestraft. Minder schuldigen zijn met de korvet de IRENE herwaarts gevoerd. De laatste tijdingen geven op, dat de schepen van het eskader in volkomen order waren en gereed om Port Mahon, alwaar zij overwinterd hebben, te verlaten, ten einde zich voor de havens der Barbarijse kust te vertonen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 16 maart. Heden zijn alhier binnengekomen het tjalkschip de VROUWE METTA, kapt. Berend M. Prins, van Sneek gekomen om alhier te worden beladen, en het tjalkschip de JONGE JAN, kapt. Bartle P. de Vries, met ballast van Calais.


21 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 17 maart. Den 9 dezer is het schip de HOOP, Mooy, van Amsterdam naar Lissabon, laatst van Dartmouth, lek te Nantes binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

's Gravenhage, 19 maart. 's Lands schip AMSTERDAM, den 29 oktober 1817 van Batavia vertrokken, om naar dit Rijk terug te keren, heeft een voorspoedige reize gehad tot den 11 december, toen het, in het gezigt der Afrikase kust, op de hoogte van Plettenberg's-baai, door een allerhevigste storm uit het Z.W. belopen werd. In deze storm, welke drie volle etmalen duurde, sloegen niet alleen de grote mast en de voor- en bramsteng over boord, maar het schip werd, door aanhoudend werken en slingeren, zodanig ontramponeerd, dat deszelfs kommandant, de kaptein ter zee Hofmeyer, genoodzaakt was de Algoa-baai op te zoeken, alwaar hij den 15 december ten anker kwam. Dan het water in het schip gedurig toenemende, werd het, ter redding van het volk, onvermijdelijk het op strand te zetten, dat in de volgende nacht geschiedde. Daarna is de gehele equipagie, met uitzondering van drie matrozen, welke door de branding van de vlotten afgeslagen werden, in het distrikt Uitenhage aan land gekomen en bevond zich aldaar, den 22 december, bij het afgaan van kaptein Hofmeyer's rapport, gekampeerd. Het schip zelf was, in de nacht van den 19 op den 20, geheel verbrijzeld. (opm: zie ook RC 170318, BC 300518, RC 040618, DC 180618, LC 280919 en RC 300322)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 maart. Volgens een brief van St. Martin (Île-de-Rhé), in dato 8 maart, was aldaar gestrand het schip (opm: smak) de DRIE GEBROEDERS, kaptein Willem van der Plas, van Bordeaux naar Rotterdam bestemd; het schip, zo men vreesde, zal geheel weg zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 20 maart. Volgens brieven van Curaçao, in dato 11 december 1817, is aldaar den 11 november te voren, behouden, en met deszelfs equipagie in goede staat, gearriveerd, Zijner Majesteits fregat van oorlog EURIDICE, kaptein J.M. Polders, den 16 september laatstleden van Vlissingen gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

De Vice Consul van Rusland te Rotterdam, en voor de Monden van de Maas, mitsgaders de Kust van Zuid-Holland, tot aan Noordwyk-aan-Zee, verwittigt op stellige order de Zeelieden, benevens allen, welke zulks mogen aangaan, dat, op berigten in Rusland ontvangen, de Barbaryse kapers, door besmetting aangetast, alle schepen, zonder onderscheid, welke zij op hun kruistogt ontmoetten, onderzochten; bij besluit van de raad der Ministers, door Zijne Majesteit de Keizer goedgekeurd, gelast is, ten aanzien van alle schepen, zich naar Russische havens begevende, de volgende voorzorgen te nemen:
1) Elk schip, dat zich naar een Russische haven begeeft en niet voorzien mogt zijn van de Certificaten bij het Reglement van den 25 mei 1816, betreklijk de quarantaines (medegedeeld in No. 177 der Amsterdamsche Courant van het voorleden jaar, gelijk mede in No. 90 van de Koophandel- en Zeevaarttijding) zal al de bij dat reglement vastgestelde gestrengheid ondergaan.
2) Elk schip dat de Baltische Zee inzeilt, met bestemming naar de havens van Rusland, zal aldaar, onder geen voorwendsel hoegenaamd, mogen worden toegelaten, ten zij hetzelve voorzien zij van de Certificaten der Deense quarantaine-beambten, door de daartoe aangestelde Russische Agenten gelegaliseerd; bij gebreke van dien zullen die schepen verre af verwijderd worden, onder het opzigt der oorlogschepen.
3) Ieder schip, enige gemeenschap hebbende met de Barbaryse kapers, zal in gene Russische havens worden toegelaten, ten zij hetzelve gezuiverd zij door de maatregelen van quarantaine, bepaald bij bovengezegd reglement van den 25 mei 1816.
Rotterdam, den 8/20 maart 1818.
De Vice-Consul voornoemd. F. Smeer


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ik ondergetekende, voerende het kleine scheepje de VROUW SOPHIA, groot circa 3 lasten, met hetwelk ik op den 11 dezer, met een zware storm, binnen de tijd van twaalf uren, van Jarmouth (opm: Great Yarmouth) tot Den Briel, en dus binnen de tien uren van land tot land, ben overgekomen, tot mijn leedwezen vernomen hebbende, dat sommige lieden vermenen dat dit scheepje niet bestand is om meerder zee te bouwen, en er in het algemeen verschillende geruchten daaromtrent in omloop zijn, zo geve ik hierbij kennis aan alle Heren Kooplieden, die verkiezen mogten mij met het een of ander te belasten in Amerika of in de West-Indiën, dat ik met ditzelfde vaartuig de reis alsdan zal aanvaarden, even zo goed als met enig ander schip, mits ik genoegzame sekuriteit (opm: zekerheid) heb tot goedmaking mijner reiskosten; terwijl ik mij verder, bij voorkomende gelegenheid, recommandeer tot het overbrengen van goederen of papieren naar Engeland of elders, waarbij grote haast vereist wordt, daar ik altijd in 24 uren tijds, na de waarschuwing, gereed kan zijn te vertrekken.
J. Duncker, in den Koning van Engeland (opm: logement), op het Roodezand, Wijk E, No. 408, te Rotterdam.
(opm: ogenschijnlijk een eigentijdse koeriersdienst; de Rotterdammer Jochem Duncker [of Donker] had op 20 november 1817 voor zijn logger of sloepschip zelfs nog een Turkse Pas verkregen, maar verkocht zijn scheepje in april 1819, waarna het naar de binnenvaart verdween)


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam liggen in lading naar:
Venlo, Rurmonde, Maastricht, Luyk en omliggende plaatsen, tot den laatsten dezer maand, het Beurtschip de TWEE GEBROEDERS, schipper J. van Beuningen.
Voorts zal er alle veertien dagen een schip varen, zijnde den 14den en laatsten van iedere maand.
Adres bij de Commissaris van ‘t gemelde Veer, N. Spruyt
Brugge en Ostende: binnen door, het Beurtschip de TWEE GEBROEDERS, kaptein Barend van Wesbeke, om van deze week te vertrekken.
Leuven en Mechelen: het Beurtschip de GOEDE HOOP, kaptein Willem Visser, om ten spoedigste te vertrekken.
Duinkerken, aan de beurten: het Gaffelschip de VROUW ELIZABETH, kaptein Matthys van der Putten, om ten spoedigste te vertrekken.
Brugge en Ostende: binnen door, het Beurtschip (opm: paviljoen gaffelschip) de ONDERNEMING, kaptein Cornelis van der Poele, om ten spoedigste te vertrekken.
Adres bij de Bestelmeester en Commissaris Walop en de Weduwe Breyerman, op de Zuidblaak, letter B, No. 13
Brussel: het schip de MARIA DOROTHEA, kaptein Wlm. Kemp, om den 6 aanstaande te vertrekken.
Adres bij P. de Vries, op de Wolfshoek
Batavia: het gekoperd Fregatschip ANNA, kaptein Cornelis Ruurds Stolte; zijnde dit schip door het extra ruim logies, zeer geschikt tot het overvoeren van passagiers; vertrekt half april aanstaande.
Newry: het Smakschip de JONGE ELISABETH, kaptein Reyn Cornelis Bloot.
Liverpool: het Kofschip de JONGE WILLEM, kaptein Jacob Parlevliet.
Hull: het Bomschip de JONGE RICHARD, kaptein Jacob Parlevliet.
Elseneur en St. Petersburg: het Brikschip de VLYT, kaptein Thomas March.
Adres bij Hudig, Blokhuyzen en Van der Eb
Batavia: het Nederlands gebouwd eiken Brigantijnschip DYKZIGT, kaptein Jan Lourens; nieuw gekoperd en ook zeer goed ingerigt voor passagiers, en zullende in de loop der maand maart van deze stad vertrekken.
Smirna (opm: Izmir): het schip de JONGE WILLEM, kaptein Laurens Jansen.
Smirna (opm: Izmir): het Pinkschip ZEELUST, kaptein Albert van der Linden.
Bordeaux: het schip de VROUW ANNEGINA, kaptein Sipko Heeres Spelde.
Petersburg: het schip VROUWE ADRIANA, kaptein Jochim Thisen Bohne.
Elseneur en Riga: het schip (opm: brik) de HOOP, kaptein Jan Jansen Drok.
Elseneur en Libau (opm: Liepaja): het Koffschip JOHANNA, kaptein Rente Harms Jonker.
Lissabon: het Koffschip de ZEEMEEUW, kaptein Volkert Plug.
Bayonne: het Hanoverse schip ANNA ADELEIDA, kaptein Abram Kremer, om den 21 dezer te vertrekken op verbeurte van de vracht.
Elseneur en Dantzig (opm: Gdansk): het Hanoverse schip NEPTHUNUS, kaptein Jan Luyken.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
(opm: uitsluitend Nederlandse schepen opgenomen over een periode van circa twee weken; de schepen onder de vlag van Hannover hebben mogelijk Nederlandse eigenaars)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een eike bij uitnemendheid snelzeilend Driemast Amerikaans schip, groot ruim 200 lasten, met koperen bouten te samen gesteld en gekoperd, van een goede inventaris voorzien; liggende in de nabijheid van Rotterdam. Te bevragen bij Hudig, Blokhuyzen en Van der Eb, aldaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 maart. Kaptein P. Sturk, voerende het schip de VREDE, den 15 maart, des avonds, in Texel binnengekomen, is den 23 januari van Demerarij vertrokken, en meldt op deszelfs reis met zware stormen en orkanen geworsteld te hebben, waardoor hij vele stortzeeën heeft overgekregen. (opm: zie ook RC 240318)


24 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Kaptein P. Sturk, voerende het schip de VREDE, van Demerarij, is den 17 ter rede van Texel aangezeild geworden door het Zweedse schip JUNO, kaptein J.J. Ravn, komende van Cette (opm: Sète), waardoor hij genoodzaakt is geworden een anker en touw te kappen (opm: zie ook RC 210318)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Kaptein G.J. van Walré, voerende het Fregatschip CATHARINA THEODORA, van Amsterdam naar Surinamen gedestineerd, laatst van Falmouth, van waar hij den 15 februari vertrokken is, meldt uit Dovernesbaai (opm: waarschijnlijk de baai bij Douarnenez) bij Brest, in dato 10 maart, dat hij door zijn volk genoodzaakt zijnde een haven te zoeken, aldaar den 7 dito was binnengelopen, na reeds tot even beneden Kaap Ortegal (opm: noordwestkust Spanje) te zijn geweest en onophoudelijk de vreeslijkste stormen en orkanen te hebben doorgestaan; had stengen, touwwerk, enz. gekapt en veel rondhout en zeilen verloren en andere schade bekomen; het schip had zwaar gewerkt, doch was vrij digt gebleven; hij zou van de eerste gunstige gelegenheid gebruik maken om naar Brest te zeilen, ten einde de geleden schade te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Den 8 maart is te St. Trojean, op de kust van Chateau, eiland Oleron, gestrand het schip de GOEDE HOOP, C. Teves (opm: kof, kapt. Cornelis Teves), van Bordeaux naar Rotterdam; hetzelve is geborsten en zal dus weg zijn; men was bezig de lading wijn te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Den 13 maart is van Deal vertrokken, en den 16 dito te Portsmouth binnengelopen het schip de VRIJHEID, R.T. Rinses, van Amsterdam naar Surinamen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Den 15 maart is te Cowes binnengelopen het schip COMMERCE, C. de Wit, van Amsterdam naar Surinamen, laatst van Douvres.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 maart. Te Surinamen is gearriveerd J. van Ulphen; dezelve dacht in het begin van februari de terugreis aan te nemen, te gelijk met het schip PAULINE, M. Spreeuw; het schip de PLANTER, R. Gabriëls, zou mogelijk half januari zeilen.


  LC - Leeuwarder Courant

Rotterdam, 21 maart. De schipper J. Duncker, voerende het kleine scheepje de VROUW SOPHIA, groot circa 3 lasten (opm: inderdaad klein) is den 11 l.l. met een zware storm binnen de tijd van 12 uren van Yarmouth tot Den Briel gezeild, en dus binnen de tien uren van land tot land.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 19 maart. Heden uitgezeild: het smakschip de VROUW RESINA, kapt. H.R. Onswedder (opm: DE VROUW RISSINA, kapt. Hendrik Roelofs Onstwedder), op avontuur over de Abt (opm: voorbij Den Abt, bank ten zuiden van Terschelling, thans Grote Plaat en Jacobsruggen geheten). Door onpasselijkheid van de kapitein is als bijlegger binnengelopen het tjalkschip de VROUW ZWAANTJE, kapt. A.J. Kramer, met stukgoederen van Amsterdam naar Bremen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 21 maart. Heden zijn uitgezeild: het kofschip ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. Tibbe Smit, het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk C. de Groot, het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smith, het smakschip de VROUW GESINA, kapt. Thole P. Veen, het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Cort W. Stoet, het kofschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Jurjen T. Schuuring, alle met ballast naar Noorwegen; het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. Berend J. de Jong, met ballast op avontuur naar de Oostzee, het kofschip de JONGE YPEUS, kapt. Harm de Weerd, het kofschip de VROUW ELISABETH, kapt. Frans B. Nipperus, beide met pannen naar de Oostzee, het tjalkschip METTA, kapt. Berend Martens Prins, met pannen, vloeren en muursteentjes naar Itzehoe, het tjalkschip de VROUW ZWAANTJE, kapt. Andries Joseph Kramer, met stukgoederen van Amsterdam naar Bremen, den 19 als bijlegger alhier binnen gelopen, na gedane reparatie het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Berend J. Korfker, met gerst van Hamburg naar Schiedam, zullende de reis verder binnendoor voortzetten, en is alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE MARTHA, kapt. Jan Foekes Zijlstra (opm: Jan Foekes Koster, zie ook LC 310318), ledig van Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De Haas en Zunderdorp, als last en procuratie hebbende, presenteren door een daartoe bevoegd beambte op het eiland Texel, op maandag den 6 april 1818, des morgens ten 10 uren, in publieke veiling te verkopen: een partij scheepsgereedschappen en tuigagiën en circa 1400 Nerva balken (opm: Nerva is een plaats in Estland) en een partij sparren, op Vlieland op vrijdag den 10 dito 75 balken, en op Terschelling op maandag den 13 dito groot 400 balken, alle van onderscheiden lengte en dikte, geborgen en behoord hebbende tot de lading van het op den 18 december 1817 op de Haaks voor Texel verbrijzelde fluitschip de BOSCH EN HOVEN, gevoerd door kapt. Aldert J. Engels, komende van Nerva en naar Amsterdam gedestineerd, liggende gemelde balken en sparren langs de stranden van dezelve eilanden, en zijn van heden af genommerd voor een ieder te zien. (opm: zie o.a. RC 231217)


26 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. Tentye, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 30 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Fregatschip, genaamd ST. PETERSBURG, gevoerd door kaptein P. Koolman, lang 140 voet, wijd 37 voet 5 en 1 half duim, hol 16 voet, het dek 7 voet 7 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.L. Weddik, J. van Ouwerkerk de Vries en J.H.A. Balwé, makelaars, zullen, op maandag den 30 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Fregatschip, genaamd MAREN CHRISTINA, gevoerd door kaptein H.H. Tothammer, lang 108 voet, wijd 27 voet 4 duim, hol 13 voet 8 en 1 half duim, het verdek 6 voet 4 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Harmanus Smit, makelaar, zal op maandag den 30 maart 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Koffschip, genaamd DE WAAKZAAMHEID, gevoerd door kaptein K.L. Domené, lang 91 voet, wijd 21 voet 8 en 1 half duim, hol 10 voet 4 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris. - Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop. Berigt bij de makelaar en bij Fredrik Smit.


27 maart 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 25 maart. Den 8 december 1817 is te Suriname behouden gearriveerd de schoener HARLINGEN, kaptein Leendert L. Buisman, van Harlingen. (opm: zie ook LC 030718)


28 maart 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 24 maart. Het schip MAGDALENA, Lutje, van Rotterdam naar Belfast, is den 21 dezer, met verlies van een anker en kabel, te Ramsgate binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, zijn van mening, na gedane aangifte, ingevolge de Wet, op dinsdag den 14 april 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement Het Badhuis, in de Boompjes, in het openbaar te veilen en aan de meest daarvoor biedenden, zonder afslag, te verkopen: het Hol van het Fregatschip, genaamd AMALIA, lang over steven 98 voeten 4 duimen, wijd, binnen de huid, 29 voet, hol, in het ruim, 14 voeten 7 duim, hoog, tussen deks, 6 voeten 5 duim; optree, achter de mast, 15 duim; alles Amsterdamse maat; benevens deszelfs scheepsgereedschappen, bestaande in masten en verder rondhout, staande en lopende want, ankers, touwen, zeilen en verdere goederen meer; liggende het te veilene Hol in de Leuvehaven voor de Scheepmakershaven, en de goederen ter plaatsen zo als nader zal worden opgegeven, alwaar al hetzelve daags voor en op de dag der veiling door een ieder zal kunnen worden bezigtigd. Nader onderrigting bij gemelde makelaars. (opm: de veiling werd later uitgesteld tot 21 april)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 maart. Van Vlissingen wordt van den 26 maart gemeld: het schip de JONGE AUKE, kapt. K.A. Blauw, van Amsterdam naar Lissabon gedestineerd, is met averij in onze haven binnengekomen. (opm: zie DC 300518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Den 11 april 1818 zal te Middelharnis, Eilande Overflacquée, publiek en om contant geld worden verkocht:
- Een Scheepstimmerwerf, met deszelfs huizing, loods, sleep, zijhelling en verder toe- en aanbehoren, staande bewesten de haven van Middelharnis, om met den 1 augustus 1818 te aanvaarden.
- De Romp van een Gaffelschuit, lang over steven 67 voeten, wijd 22 voeten en diep 9 voeten.
- Een Schokker-visschuit, lang als boven 48 voeten, wijd 15 voeten en diep 16 voeten.
- Laatstelijk een Hoogaars, lang als voren 34 voeten, wijd 9 voeten en diep 3 en 1 half voeten.
Zullende bij gemelde twee vaartuigen tevens worden verkocht derzelver ankers, kabels, zeilen, touwen, staande en lopend want en het geen daartoe verder behoort.
OHC 300319
Amsterdam, 27 maart. In den nacht tussen den 21 en 22 maart is te Ostende van Batavia gearriveerd het schip DIANA, kapt. A. Carbon.
OHC 310318
Amsterdam, 28 maart. Den 27 dezer is in Texel uitgezeild H. Pothoff (opm: kof ANNA PAULOWNA), naar Oleron.
LCO 300318
Amsterdam, 28 maart. Sedert onze laatste van Texel uitgezeild J.L. Smit (opm: smak HOOP EN VERWACHTING, zie RC 080118) naar Rouaan.


31 maart 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 27 maart. Heden zijn alhier uitgezeild: het kofschip JACOBA CATHARINA, kapt. A.E. Nijhof, met ballast naar Liverpool, het kofschip EENDRAGT, kapt. H.E. de Jong, met ballast naar Liverpool, het smakschip de JONGE MARTHA, kapt. Jan Foekes Koster, met haver naar Londen, het smakschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Arend Klasen, met haver naar Londen, en het tjalkschip de JONGE HENDRIK, kapt. G.R. Klein, met haver naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 29 maart. Gisteren zijn alhier uitgezeild: het smakschip de VROUW JAAPKEMA (opm: kof VROUW JAAPKINA), kapt. Wolter J. de Boer, met haver, tarwe en ruw vlas naar Hull, en het kofschip de VROUW MARTHA, kapt. Dedde Roelofs van Wijk, na gedane reparatie weder uitgezeild van Rotterdam met tarwe naar Rouaan (opm: Rouen), en heden is uitgezeild het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeven, met ballast naar Noorwegen.


02 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 maart. Kaptein J.J. Boom (opm: Johannes Jans Boon), voerende het schip (opm: kof) de DAGERAAD, van Amsterdam naar Lissabon gedestineerd, meldt van Medemblik van den 25 maart, dat hij aldaar binnengelopen was, na in de nacht, tussen den 22 en 23 dito, bij Urk in het Vaarwater aan de grond gestoten en in de Val van Urk een anker en touw gekapt te hebben, welke hij echter met adsistentie terug bekomen had.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 maart. Kaptein W.J. Bloom (opm: kapt. Hendrik Jansen de Bloom), voerende het schip HARMONIE, van Surinamen, den 25 maart in het Nieuwe Diep binnen, is reeds den 21 dito voor Texel geweest; doch heeft toen alzo geen loods uitkwam, niet kunnen binnenkomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 maart. In een brief van Texel van den 24 maart wordt gemeld dat het schip JOHANNA PHILIPPINA, kaptein Willem de Roos (opm: schoener, kapt. Willem de Boer), naar Surinamen gedestineerd, de vorige dag door het geweldige stormweêr driftig gerakende en in gevaar zijnde een Barkschip voor de boeg te drijven, de kaptein genoodzaakt was geworden een anker en touw te kappen, en sein om adsistentie te doen, waarop hij een loodsschuit en volk bij zich gekregen had, met welks het hem reeds, aan lager wal zijnde, gelukt was het schip en de lading te behouden en een betere ankerplaats te verkrijgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 maart. Van Swinemünde wordt van den 20 maart gemeld, dat het sedert primo september (opm: 1817) aldaar onder avary liggende schip MINNA, kaptein J.C. Knaack, van Petersburg naar Amsterdam gedestineerd, die dag de reis voortgezet had.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 27 maart. Den 24 dezer is het schip de GOEDE VERWAGTING, Wybes, van Amsterdam naar Lissabon, lek en met verlies van zeilen, anker en kabel, te Douvres binnengelopen; had op strand gezeten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 31 maart. Kaptein Jan Blok, voerende het schip AMSTERDAM, den 2 januari uit Texel naar Curaçao gezeild, meldt van Klein Hellesund (opm: Ny Hellesund) in Noorwegen, in dato 5 maart, dat hij, na negen weken met aanhoudend zwaar stormweer in de Noordzee gezworven te hebben, de vorige dag aldaar was binnengelopen; hij had enige schade aan zeilen, doch was het schip, lading en equipagie in goede staat; zou met de eerste gunstige gelegenheid zijn reis vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. F. der Kinderen en A. van der Sluys, makelaars, zullen, op maandag den 6 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild driemast Kofschip, genaamd BRUTUS, gevoerd door kaptein G.H. Noorman (opm: Geert Hendriks Noorman), lang 93 voet 5 en 1 half duim, wijd 22 voet 8 duim, hol 11 voet 4 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris. Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop. Nader berigt bij de makelaars en bij J.G. Schomerus.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 maart. Hedenmorgen zeilde van Helvoetsluis het schip ARINUS MARINUS, A. Langerveld, naar Batavia; dezelve is onder de Goereese haven ten anker gekomen. De wind Z. (opm: zie RC 040418)


03 april 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. J. Freseman Viëtor en R. de Sitter, verkopen op 9 april 1818, des avonds te 5 uren, o.a. een welbezeild Kofschip, de VROUW HENDERICA genaamd, groot plusminus 70 roggelasten, liggende te Emden, volgens inventaris. Kapitein Frans H. Seven (opm: Frans Harmen Zeven).


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 2 april. Op 30 maart l.l. zijn uitgezeild: het smakschip de VROUW REINERA, kapt. B.J. Bondrager, het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, het smakschip de VROUW MARGARETHA, kapt. Edzert A. Pot, en het kofschip de VROUW LUBBEGINA, kapt. Claas H. de Weerd, alle naar Noorwegen met ballast, het kofschip de TWEE BROEDERS, kapt. Dedde H. van Wijk, met pannen naar de Oostzee, en het voor enige tijd alhier door schade binnen gekomen kofschip CONCORDIA, kapt. Albert Pieters Beer, na gedane reparatie, van de Oostzee met hout naar Lorient, alsmede weder vertrokken het alhier binnen gelopen tjalkschip de VROUW IKINA, kapt. J.S. Vegter, met pannen van Makkum naar Hamburg, en van de rede het aldaar gelegen hebbende kofschip de GOEDE HOOP, kapt. Wolter H. Boon, met pannen van Makkum naar de Oostzee.
Den 1 april is van hier uitgezeild het kofschip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. Christiaan J. Jaski, met ballast naar Bordeaux en is binnen gekomen het kofschip de VROUW ANNEGINA, kapt. Pieter Jacobs Hergers, van Noorwegen met hout, alwaar hij overwinterd is geweest.
Den 2 dito is uitgezeild het kofschip de JONGE PIBE (opm: JONGE PIJBO), kapt. Auke B. Visser, met ballast naar Liverpool.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe-Zijlen, 31 maart. Den 25 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip de JONGE RIJNS, kapt. Marten A. Brouwer, met chicoreij, kaas en klaverzaad naar Altona en het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, met ballast naar Noorwegen.
Den 26 dito is uitgezeild het smakschip de BROEDERLIEFDE, kapt. H. Kaast (opm: Hendrik Jacob Karst), met ballast naar Noorwegen en den 30 dito is uitgezeild de VROUW FOKKEMA, kapt. D.H. de Groot, op avontuur naar de kleine Oost (opm: staten gelegen ten oosten van Europa, met name het gedeelte van Azië onmiddellijk aan de Middellandse Zee; synoniem: de Levant).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris W. Steenbeek te Heeg presenteert het publiek bij strijk- en verhooggeld aan de meestbiedende te verkopen: een extra welbetimmerd Schuite-schip, lang 55 voet, wijd 12 2/3e voet en hol naar advenant, met zeil en treil en verdere annexen daarbij behorende, breder in de billetten vermeld, zodanig het tot heden door Cornelis Jans Visser, schipper te IJlst als eigenaar is bevaren en tot den 15 april 1818 te IJlst en van den 15 tot den 29 april te Heeg is liggende en aldaar kan bezien worden. Die daar aan gadinge maakt, kome op woensdagen den 15 april bij beschrijving en den 29 daaraanvolgende bij de finale palmslag, telkens na de middag ten 2 uren, ten huize van Jacobus Homans, kastelein in de herberg te Heeg, en kope op dan voor te lezen conditiën, die inmiddels zijn te vernemen bij de notaris voornoemd.


04 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 april. De eerste dezer maand april is uit de Goeree in zee gezeild het Nederlandse schip ARINUS MARINUS, kaptein Ary Langeveld, gedestineerd naar Batavia, diep gaande 22 voet Amsterdams. (opm: zie RC 020418)


  RC - Rotterdamsche Courant

Brugge, 31 maart. Eergisteren zijn er 96 man van het 33ste regiment uit Harderwijk alhier aangekomen, om naar Oost Indiën te worden ingescheept op het driemastschip de DIANA (opm: Zuid-Nederlands fregat DIANE, zie MCO 280418), kapt. A. Carbon, hetwelk, weer en wind dienende, deze week uit Ostende zal in zee lopen; zijnde eerst bestemd naar Batavia, en aldaar een gedeelte van de lading gelost te hebbende, vertrekt naar China. De Heeren gebroeders Sinave hebben alles, wat tot de uitrusting behoort, in deze stad doen gereed maken of leveren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Akkrum, 24 maart. Op den 17 dezer, des namiddags ongeveer te drie uren, passeerde Siebren Pieters Hoytema, Veerschipper van Akkrum op Sneek, bij gelegenheid dat dezelve van de weekmarkt van laatstgemelde stad kwam, met deszelfs beurtschip de Terkapletter-poel, en men ontdekte dat er een schip aan de Oost- of lagerwal aan de grond zat, waarop iemand door middel van een hoed stond te wenken. Dadelijk werd er besloten, alhoewel een gevaarvolle onderneming zijnde, om te beproeven of het niet mogelijk was, deze ongelukkige te redden, hetgeen dan ook met veel moeite ten uitvoer gebragt werd, daar het bijkans ondoenlijk was om bij te leggen, uit hoofde van de hevige stormwind uit het Westen en de sterke slag van het water, en althans niet doenlijk geweest was, wanneer de Veerschipper, benevens zijn knegten Jisk Wiebes Zeinstra en Eelke Cornelis de Vries, daarin niet ten sterkste ondersteund waren geworden, door de passagiers Pieter Wiebes Osinga, Pieter de Vries en Wouter Piekes van der Meulen, allen te Akkrum wonende, die in dezen mede veel ijver betoonden, maar welke onderneming schier zoude hebben kunnen mislukken, alzo de zogenaamde bolsders (opm: bolders) uit het wrakke schip wegscheurde, doch hetgeen weder geholpen (opm: verholpen) werd, met het anker om de mast vast te slaan.
Door deze edele daad zijn zeven personen in het leven bewaard, en wel een moeder met zes kinderen, waarvan de oudste zestien jaar is, en de jongste de moedermelk nog zuigt, welke allen spoedig door koude en gebrek van voedsel zouden zijn omgekomen, als zijnde, sedert den 15den, des middags, aan de grond geraakt, het schip lek en vol water, en zij alzo boven op het dek hun verblijf moesten houden, waarbij nog kwam, dat twee van de kinders bijna naakt waren. - Dezelve zijn vervolgens naar deze plaats overgebragt, alwaar men hun alsnog huisvest en van het nodige onderhoud voorziet, waarin verscheidene mensenvrienden in dit dorp zich als om strijd beijveren te delen, en waarop deze ongelukkigen door hun armoede ten volle aanspraak hebben. Het schip, hetwelk geheel ontramponeerd is, heeft men de volgende dag zien vlot te krijgen, en met behulp van een aantal personen naar Akkrum gesleept.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 april. Kaptein F. Machielsen, voerende het schip CATHARINA ANNA HELENA, van Amsterdam naar Surinamen gedestineerd, meldt van Fahrsund (opm: Farsund, Zuid-Noorwegen), in dato 7 maart, dat hij den 10 februari uit Lushaven (opm: Loshamn, nabij Farsund), alwaar hij, wegens storm en tegenwind, binnengelopen was, naar zee gezeild en tot op Doggersbank gevorderd zijnde, uit hoofde van aanhoudende N.W. stormen getracht had Texel binnen te lopen, doch geen loods had kunnen bekomen, waarop hij, na veel stormen te hebben doorgestaan, den 3 maart met lekkagie te Fahrsund binnengelopen was, ten einde aldaar de geledene schade aan het schip en want te herstellen; echter hoopte hij binnen acht dagen de reis weder te kunnen aanvaarden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een Fregatschip van 170 à 175 lasten, hetwelk aan de Wezer op een voorname werf gebouwd wordt, reeds sedert achttien maanden in zijn spanten staat en gereed kan zijn in de maand juli aanstaande. Nadere informatie is te bekomen bij de Heren De Vries en Comp, te Amsterdam, en ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer, te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een bijzonder hecht en sterk eikenhouten Brikschip, groot 80 roggelasten, met nieuwe spijkerhuid, en zeer geschikt voor de vaart op onze rivieren, slechts 11 voeten, beladen zijnde, diep gaande. Nader te bevragen bij Fredrik van Dam, makelaar te Rotterdam.


07 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. Wesseling en J.H.A. Balwé, makelaars, zullen, op maandag den 13 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Fluitschips Hol, genaamd ANNA ELIZABETH (opm: VROUW ANNA ELISABETH, zie RC 071216), gevoerd geweest door kaptein B.J. de Jong, met deszelfs masten en rondhouten, alsmede een aanzienlijke partij scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, enz; liggende als bij notitie zal worden aangewezen en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 31 maart. Het schip de JONGE HERMANUS, Wolff, van Hull naar Amsterdam, is den 18 dezer bij Sylt gestrand. (opm: zie LC 050518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 13 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Pinkschip, genaamd de VIER GESCHWISTER, gevoerd door kaptein P. Ottow, lang 112 voet 5 en 1 half duim, wijd 29 voet 10 duim, hol 13 voet 3 duim, het verdek 6 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.
(opm: op 24 april werd het schip – ook wel getypeerd als fregat – voor NLG 12.000 aangekocht door Engel van de Stadt, Zaandam 3/4e aandeel en firma De Vries & Co, Amsterdam 1/4e; nieuwe naam DRIE GEBROEDERS, nieuwe kapitein Paulus Jansen Manzelman).


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J.H. Gravenhorst, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, F. der Kinderen en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 13 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Brikschip, genaamd ANNA ELIZABETH, gevoerd door kaptein J.S. Keyser, lang 79 voet, wijd 24 voet 2 duim, hol 12 voet 5 duim, alles Amsterdamse maat. Breder bij de inventaris. Berigt bij de makelaars en bij de Wed. P. Poolman Jurriaansz en Zoon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J.H. Gravenhorst, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, J.H.A. Balwé, H. Smit en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 13 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd CAROLINA, gevoerd door kaptein F.F. Brouwer, lang 90 voet, wijd 19 voet 8 duim, hol 9 voet 3 duim, alles Amsterdamse maat. Breder bij de inventaris. Berigt bij de makelaars en bij de Wed. P. Poolman Jurriaansz en Zoon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Harmanus Smit, makelaar, zal, op maandag den 13 april 1818, ‘s avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd de JONGE CHRISTOFFEL (opm: ook JONGE CHRISTOPHE), gevoerd door kaptein A.H. Hoff, lang 76 voet 5 en 1 half duim, wijd 18 voet 6 en 1 half duim, hol 8 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat. Breder bij de inventaris. Berigt bij de makelaar en bij Fredrik Smit. (opm: nieuwe naam CATHARINA, kapt. D.E. Brunger)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 5 april. Heden vertrok alhier het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, met stukgoederen naar Hamburg, zijnde de gedeeltelijke lading van het alhier op de reis van Philadelphia naar Hamburg door schade binnengelopen fregatschip FATERSLANDLICHE, kapt. C.J. Hasewinkel.


09 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Te Petten zijn nog aangespoeld ongeveer 150 duigen, alsmede een boot, waarop ELISA LONDON, van binnen John Wren, alsmede een wrakje.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 april. Volgens een brief van Livorno van den 16 maart, was het schip FORTUNA, kapt. K.B. Meyerts, vandaar en de kust van Genua naar Hamburg gedestineerd, na deszelfs vertrek van Menton door storm overvallen zijnde, lek geworden, en had enige zeilen verloren, waarop het te Livorno weder binnengekomen was.


10 april 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Praamschuit te koop bij de werf van Douwe Barts in Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 6 april. Heden zijn alhier uitgezeild: het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met tarwe en haver naar Hull, het kofschip de VROUW GRIETZINA, kapt. Claas J. de Groot en het smakschip de VROUW ENGELINA, kapt. Egbert H. de Groot, de beide laatstgenoemden met ballast op avontuur.


11 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 7 april. Het schip MARIA ELIZABETH, Regman, van Antwerpen naar Portsmouth, is laatstleden vrijdag (opm: 3 april) met schade en lek te Newhaven binnengelopen; de lading is aan land gebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 7 april. De schepen TRITON, Spight, en ONDERNEMING, Hakker, beiden van Rotterdam naar Belfast, zijn den 2 dezer te Waterford binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 april. Voor Amsterdam is, na verlies van anker en touw, aangekomen het schip de VROUW TITIA, kaptein C.A. Swart, van Fécamp naar Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 april. Den 30 maart is op de Westplaat bij Brouwershaven gestrand het schoonerschip PIETER EN EMMA, kaptein T. Denham, van Rotterdam naar Gibraltar of Rio Janeiro; men denkt het grootste gedeelte der lading en tuigagie te bergen, doch het schip zal waarschijnlijk niet afgebragt kunnen worden. (opm: zie RC 070518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 april. Volgens een brief van kaptein J.G. Woldersdorf, voerende het schip LOUISA AUGUSTA, van Petersburg naar Amsterdam gedestineerd, in dato Fredriksvaerk den 13 maart, was hij, na in het Kattegat geweldige stormen te hebben uitgestaan, met een geheel ontramponeerd schip aldaar binnengelopen om te lossen en te repareren; de lading was bij de lossing zodanig door zeewater beschadigd bevonden, dat dezelve publiek zoude verkocht worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 april. Den 28 maart is van Plymouth vertrokken Zr.Ms. oorlogsbrik de ZWALUW, kapt./luit. J.H. Bolken, naar de kust van Guinea en de West Indiën.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 8 april. Van quarantaine ontslagen is heden naar Antwerpen de Schelde opgevaren de VIJF GEBROEDERS (opm: Zuid-Nederlandse driemast galjoot, bouwjaar 1817), kapt. A. Willems, van Charlestown, met rijst en tabak.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia, 8 april. Vertrokken ANTOINETTA EN JACOBA, kapt. Foppe Baas naar Amsterdam met passagiers.


  DC - Dordtsche Courant

Scheveningen, 9 april. Op maandag l.l, des middags ten vijf ure, gebeurde hier in volle zee een droevig ongeluk; het pinkscheepje van stuurman M. Tuit, werd zodanig door een zware golf zeewater getroffen, dat een van deszelfs matrozen, met name Klaas Pronk, van het voorn. pinkscheepje werd afgeslagen, en alzo (daar te vergeefs alle middelen ter redding aangewend werden,) door de zee verzwolgen. Droevig is het lot deszelfs nagelaten weduwe met haar 6 nog bij haar zijnde kinderen, te meer, daar, in de maand maart des voorleden jaars, haar zoon hetzelfde lot van haar man heeft ondergaan, en ook in zee is verdronken. Zo dat de voorn. weduwe van haar bestaan is beroofd, en in de diepste armoede gedompeld is.


14 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 april. In het opzeilen van Shields is op het strand geraakt het schip LELYA, kapt. Watson, naar Dordrecht gedestineerd; hetzelve is, nadat bijna de gehele lading over boord geworpen was, vlot geworden en zal in het Dok moeten halen, om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 april. Door kaptein Visser, van de schooner ANNA SOPHIA, te Rotterdam van Dublin gearriveerd, is in de avond van den 3 april, op de hoogte van Lizard-Point, in goede staat zeilende, gepraaid het Hollands Fregatschip ARINUS MARINUS, kapt. Ary Langeveldt, van Rotterdam naar Batavia bestemd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 13 april. Aan deze stad zijn gearriveerd: het Noordse pinkschip FÖDELANDEDT, kapt. D.J. Hövland, van Archangel, met teer, rogge en matten; het Hollands kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Roelof Hansen, van Vlissingen, met ballast, en het Hollands smakschip de VROUW GEZINA, kapt. L.T. Sok, van Isle d'Oleron, met zout. De laatste rapporteert dat hij den 5 dezer, op de hoogte van Sorlings (opm: Scilly Isles), in goede staat heeft zien zeilen het schip ARINUS MARINUS. gevoerd door kapt. Arij Langeveldt, naar Batavia, hebbende als toen de wind W.N.W.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 11 april. Den 7 dezer is uitgezeild het schip de VROUW GRIETJE, kapt. J.J. Vonk, met rogge naar Hamburg, den 10 dito uitgezeild het schip de JONGE ANTJE, kapt. Folkert Jansen, met straatklinkers naar Emden.


16 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 april. Den 9 april is voor de Bank van Zandvoort gestrand, wegens lekkagie en nog diezelfde middag geheel verbrijzeld, het Koffschip CAROLINA JOHANNA, kaptein H. de Best, met zout, van St. Ubes (opm: Setubal) naar Riga; de equipagie, tien man sterk, benevens een passagier, is gered en door een visbom aan strand gebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 april. Kaptein J.F. Urbye, voerende het schip JOHANNA ELISABETH, van Drontheim naar Barcelona gedestineerd, te Lissabon binnengelopen, meldt van daar, in dato 21 maart, dat hij zijn reparatie volbragt en den 27 februari zijn lading weder ingenomen had, sedert welke tijd hij op zijn papieren had moeten wachten; doch dezelve nu bekomen hebbende, dagt hij de volgende dag zijn reis voorttezetten; van de lading vis was een gedeelte, uit hoofde van beschadigdheid, verkocht, en 100 kwintalen (opm: centenaars à 100 kg) in zee geworpen hij had, tot goedmaking dezer kosten, geld op bodemarij moeten nemen.
(opm: bodemarij of bodemerij [van bodem = schip] omschrijft Mr. J.A. Molster als eene overeenkomst tussen een geldschieter en een geldopnemer, waarbij eene som gelds wordt opgeschoten, met beding van premie en onder verband van schip of goed of beide, met dat gevolg, dat indien het verbondene, geheel of gedeeltelijk, door toevallen op zee vergaat of vermindert, de geldschieter zijn recht op de opgeschoten penningen en op de premie verliest, voor zoover dit een en ander niet op hetgeen overblijft kan worden verhaald; maar indien het verbondene schip behouden ter plaatse zijner bestemming aankomt, de hoofdsom, benevens de premie moet betaald worden)


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Advertentie. Scheepsverkoping tot Oostende.
Den makelaar A.J. Donche, zal tot Oostende publiek aan de meestbiedende verkopen, op zaterdag den 25 april 1818, des middags om 12 uren, in ’t Hotel van Commercie aldaar, op de condities voor de oproepinge voor te lezen, de schoone Nederlandse Lougre (opm: logger, waarschijnlijk visserman en niet gevonden in de vrachtvaart), getuigd in 3 mast Goelette (opm: dubbele marszeilen, d.w.z. met marszeilen aan de fokkenmast én aan de grote mast), genaamd DEN NEPTHUNUS, ten jare 1812, aldaar nieuw gebouwd, lang over steven 72 voet, breed 17 voet 6 duim, diep onder dek 8 voet 11 duim Franse maat en groot gemeten 119 49/94 vat.
Dit schip, alderbest zeilder, met zijn gansen inventaris, die nog nieuw is als nooit gediend hebbende, ligt tot Oostende, in den 1ste bassin, alwaar ’t zelve dagelijks kan bezichtigd worden en waarvan gemelde makelaar en den waaker J. Asseman, alle verdere onderrichtingen zullen geven.


17 april 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 15 april. Den 13 dezer is alhier binnengekomen het tjalkschip de JONGE SYBRAND, kapt. Hendrik Wiepkes Smit, met ledig schip van Amsterdam om alhier te worden beladen met steen en pannen naar Hamburg.


18 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Wij Willem, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Groot-Hertog van Luxemburg, enz. enz. enz.
Gezien de wet van den 6 maart dezer jaars (Staatsblad, No. 13), waarbij, ter aanmoediging van de ijslandse kabeljauw-visserij een premie van vijf honderd guldens, uit ’s Rijks kasse, wordt toegezegd, voor elk der, voor rekening van onze onderdanen, uit een der havens van het Rijk, gedurende de jaren 1818, 1819 en 1820, ter uitoefening derzelve visserij uit te rusten schepen.
Overwegende de noodzakelijkheid, tot het vaststellen der reglementaire bepalingen, welke door de belanghebbenden zullen behoren te worden opgevolgd, om op het genot van zodanige begunstiging aanspraak te kunnen maken;
Gezien het advies van onze Minister van Binnenlandse Zaken, van den 26 maart 1818, No. 5.
De Raad van State gehoord;
Hebben besloten en besluiten:
Art. 1. Gecommitteerden bij de gezamenlijke reders der ijslandse of kabeljauw-visserij in elke provincie, door en uit hun midden, op aanschrijving der Gedeputeerde Staten derzelver provincie, te benoemen, zullen, ’s jaarlijks, bij het uiteinde van het jaar, aan het kollegie van gedachte Provinciale Staten moeten opgeven het getal der schepen die, gedurende dat jaar, uit zodanige provincie ter ijslandse of kabeljauw-visserij uitgerust, en tot die visserij, tussen de vijf-en-zestig en zeven-en-zestig graden noorderbreedte, zijn geëmploijeerd geweest, met uitdrukking van de namen der schepen en derzelver boekhouders, met vermelding van de uitslag van de kabeljauw-vangst in zodanig jaar, en met overlegging van een certificaat zo van de plaatselijke regering, alwaar elk dezer schepen respectivelijk zal zijn uitgerust, als van de aldaar residerende hoofd-ambtenaar der in- en uitgaande regten en accijnsen, waaruit zodanige uitrusting behoorlijk zal kunnen blijken, al hetwelk, bij de Gedeputeerde Provinciale Staten, in behoorlijke orde bevonden zijnde, de gezamenlijke stukken door hen aan het departement van Binnenlandse Zaken, met derzelver advies, zullen worden toegezonden, om, bij hetzelve departement, vervolgens de nodige ordonnantiën van betaling, ten behoeve van elk der respective belanghebbenden, te kunnen doen opmaken en depêcheren, na het bekomen onzer, in art. 4, te vermelden dispositie.
Art. 2. In zodanige provincie, alwaar geen genoegzaam aantal reders aanwezig is, welke enige uitrusting der ijslandse of kabeljauw-visserij mogten doen, om gecommitteerden uit derzelver midden te kunnen benoemen, zal, door elk der reder afzonderlijk, de, bij het eerste artikel hierboven, gevorderde staat, aan de Gedeputeerde Staten van zijn provincie jaarlijks ingezonden, en voorts al de overige, bij dat artikel omschreven bepalingen, daarbij stiptelijk moeten worden opgevolgd. (opm: art. 3 enz; bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een extraordinair welbezeild Kofschip, groot 50 lasten, met een bijna geheel nieuwe en complete inventaris; hetzelve kan dadelijk aanvaard worden, en is liggende ter Haarlem, bij A. van Veen en Comp. Brieven franco.


  RC - Rotterdamsche Courant

Spaarndam, 15 april. De hevige stormwind, welke maandag den 6 dezer woedde, was voor schipper Dirk Klunder, voerende een tjalkschip, en voor deszelfs vrouw en kinderen ten hoogsten ongelukkig. Gemelde schipper, met zijn schip van Haarlem komende, en wegens de hevige wind voor de kolk (opm: sluis) willende verblijven, had het ongeluk met het uitwerpen van het touw, tot vastligging van zijn vaartuig, over boord te slaan; terwijl, op hetzelfde ogenblik, het schip door de woedende wind in stukken werd geslagen. De knecht, vrouw en kinderen reddenden hun leven door van het schip te springen, terwijl de, tussen het schip en de sluizen, met de dood worstelende schipper, door de ijverige pogingen van enige menslievende ingezetenen, uit het water gehaald werd. Het schip, door de sluizen gedreven, is ten gevolge van de daaraan bekomene schade in het Y gezonken, terwijl de schipper, aan deszelfs bekomene kneuzingen, door de val in het water, laatstleden vrijdag (opm: 10 april) is overleden, met achterlating van zijn diepbedroefde weduwe en drie kinderen, welke van man, vader, bestaan en woning, daar hun vaartuig hun ter woning verstrekte, als in een ogenblik beroofd, aan de grootste behoefte overgegeven, in deze gemeente hulpeloos rondzwerven.
Het gemeente-bestuur dezer plaats, door de ondersteuning van edele mensenvrienden gesterkt, zoude zich gaarne willen beijveren, door het schip te laten ligten en repareren, om deze arme weduwe en drie kinderen, in hun bestaan te herstellen. Ten einde daartoe in de mogelijkheid te kunnen geraken, zal ten huize van de ondergetekende, schout dezer gemeente, wonende in de groote Houtstraat te Haarlem, van heden den 15 tot den 22 april eerstkomende, een bus worden geplaatst, ten einde de liefdegiften van een iegelijk intezamelen, waartoe deze arme weduwe en kinderen op het dringenst worden aanbevolen.
Zullende van de tot dit einde te ontvangene penningen, na gemaakt gebruik, behoorlijk rekening en verantwoording worden gedaan.
Spaarndam, den 15 april 1818.
Uit naam van het gemeente-bestuur alhier, J.H. Schmidt, President (opm: burgemeester)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 april. Den 7 april is te Dartmouth met verlies van boegspriet binnengelopen het schip ANNA CHRISTINA, kapt. Hanson, van Bordeaux naar Lübeck; was den 5 dito door een schooner aangezeild, die men vreesde dat dadelijk gezonken is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 april. Kapt. L.T. Sok, van Oleron te Dordrecht gearriveerd, heeft den 5 april op de hoogte der Sorlings (opm: Scilly eilanden) in goede staat zien zeilen het schip ARINUS MARINUS, kapt. A. Langeveld, den 1 dito van Helvoetsluis naar Batavia gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 17 april. Men meldt van Den Briel van den 16 april: De VRIENDSCHAP, F. Graff, van Bordeaux, is binnen de bank vastgeraakt, en heeft, volgens berigt, vijf voeten water in, dezelve heeft een ligter bij zich.
Men meldt (16 april), dat er gisteren vier ligters van het schip van kaptein Graff alhier zijn aangekomen, en heeft nog twee ligters aan boord; er is thans nog 8 à 9 voet water in. Even voor posttijd is kaptein Graff in vlot water gekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De Griffier bij de Regtbank van Koophandel te Dordrecht, C.A.F. Zanders, is voornemens, op donderdag den 23 april 1818, des morgens ten elf uren precies, ten huize van Abraham Karsdorp, in het Logement den Gouden Leeuw bij de Vuilpoort te Dordrecht, te verkopen: een aanzienlijk en compleet Fluitschips-Tuigagie en inventaris, bestaande in extra zware ankers, kabels, stagen, ander en stenge want, lopend touwwerk, zeilen, blokken, boot, jol en verdere scheeps-goederen, twee dagen te voren te bezigtigen aan boord van het Fluitschip, genaamd DE DRIE GEZUSTERS, liggende in de Kalkhaven binnen Dordrecht, alwaar ook de Notitiën te bekomen zijn.
(opm: de fluit, door groot-scheepmaker Claas Simonsz Heyn in West-Zaandam in 1776 gebouwd, werd verkocht voor de sloop; de zeebrief werd op 9 mei geretourneerd met de mededeling ‘schip is afgekeurd’, zie ook DC 100218)


20 april 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, 16 april. Kapt. D. Hitman, de JONGE MEINSINA (opm: smak), van hier naar Londen bestemd, met garst, is door zware lekkage in het Nieuwe Diep gekomen.
Uitgezeild J. Vinck (opm: pink JONGE PIETER) en A.C. Hazewinkel, beide naar Leverpool.


21 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 april. Den 4 april is bij Kaldberg, 7 mijlen van Pielau (opm: Pillau, nu Baltiysk), met al het volk verongelukt het schip de NIEUWE HOOP, kapt. C. Thomas, met tarwe en garst, van Koningsbergen naar Newcastle; enige kisten en zakken, met plunje, zijn aan land gespoeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Op zondag den 22 maart 1818, in de mond van de rivier het Spuy, genaamd de Bieningen, verdronken zijnde Gerrit Zaayer, in leven bouwman (opm: boer), in de gemeente Onwaard, c.a. bij Dirksland, wordt aan de vinder of vinders van het lijk, na den 2 april 1818, uitgeloofd NLG 104, mits hetzelve bezorgende aan het adres hier onder genoemd.
De respective heren Strandvonders worden insgelijks verzocht, om bij vinding, voor het lijk en voor al hetgeen hetzelve bij zich heeft, alle zorg te dragen; - en deze, zo wel als de vinder of vinders, worden uit naam van de vader des verdronkenen, Johannis Zaayer, Dijkgraaf, te Dirksland, gebeden (opm: verzocht), om het lijk te bezorgen te Middelharnis, en zich te adresseren bij deszelfs zwager, de heer Arend van Weel aldaar, zullende de kosten, op de bezorging vallende, boven het hier voor uitgeloofde volgaarne betaald worden.
De verdronkene was, bij het verdrinken, onder anderen, gekleed met een blaauwe jas en schansloper (opm: wijde overjas van grove stof), welke laatste om het lijf met een touw was toegebonden; voorts had hij aan een zwarte of donkergroene manchesterse korte broek, grijze koussen en schoenen met koortjes toegemaakt, rode en witte halsdoek; - zijn ronde hoed was met een witte katoene doek, gemerkt A.V.W, vastgebonden; zijn linnen zo wel als schansloper moet gemerkt zijn G.Z, misschien nog op het linnen met een cijferletter er onder.
Daar men weet wat de verdronkene bij zich heeft, wordt een ieder der vinders en de heren Strandvonders verzocht dit naauwkeurig gade te slaan en met het lijk tevens te bezorgen.
(opm: opgenomen uit curiositeit en vanwege de omschrijving der kleding)


  RC - Rotterdamsche Courant

Arrivementen: Te Rouaan J.L. Smit (opm: smak HOOP EN VERWACHTING) van Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, groot vier en twintig lasten, met al deszelfs tuigagie, varende van Schiedam op Dordrecht.
Te bevragen bij Andries Zondag, te Schiedam, en Dirk Boshoven, op de Vest, te Dordrecht.


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading naar Archangel, het Hamburger pinkschip de VROUW MARGRETHA, Kapt. Fupke Roelofs. Adres bij de scheepsmakelaar Gerard Mauritz aldaar.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 18 april. Gisteren is van Antwerpen naar zee gezeild de COLLETTA ET CHARLOTTA (opm: Zuid-Nederlandse galjas, ex- CHERCHE-APRЀS), kapt. J.A. Claeys, met tarwe en garst naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 19 april. Den 16 dezer is alhier binnengekomen het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk Clasen de Groot, van Christiansand met hout. Den 17 dezer is alhier uitgezeild het smakschip de VROUW ANNA, kapt. Roelof H. Pot, met ballast op avontuur, den 18 dito het tjalkschip de JONGE JAN, kapt. Bartle P. de Vries, met granen en koolzaad naar Londen. Den 19 dito is alhier binnengekomen het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, gekomen van de Droogbak (opm: Drøbak, Oslofjord).


23 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 april. Van Middelburg wordt van den 20 april gemeld: Volgens brieven uit Canton, van den 28 oktober 1817, was kaptein Leendert Woutersen, voerende het schip de ZEEUW, reeds bezig zijne lading in te nemen, en hoopte in het laatst van november naar herwaards te kunnen afkomen; zijnde schip en equipagie in de best mooglijke staat. (opm: zie RC 230618)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman en H.I. Rietveld, makelaars, zullen, op maandag den 27 april 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Kaagschip, genaamd de VIER GEBROEDERS, gevoerd door schipper Simon Botter Jacobsz, lang 71 voet, wijd 16 voet 10 duim, hol 7 voet 10 duim, Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, J. Boelen, G.W. Sesink Clee en W.P.D.C. Vrugt, makelaars, zullen, op maandag den 27 april 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Pinkschip, genaamd de PRINS VAN ORANJE, gevoerd door kapt. H.G. Bergveld, lang over steven 89 voet, wijd 24 voet 5 en 1 half duim, hol 9 voet 1 duim, het verdek 4 voet 9 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars, en bij Van Olivier, d'Arnaud en Comp.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, den 21 april. Den 13 april is te Travemunde wegens contraire wind binnengelopen het schip de VROUW GESINA, kapt. H. Ebes, van Leer, en den 15 dito de schepen de VROUW TRIJNTJE, kapt. J.A. Meijer, en de JONGE NEELTJE, kapt. J.A. Zeilinga van Schiermonnikoog, alle drie naar de Oostzee.


24 april 1818


  LL - Lloyd's List

De HENRIETTA, kapt. Dirks (opm: kapt. H. Derks), van Londen naar Bordeaux (in ballast), is de 16e dezer in zeer lekke toestand Guernsey binnengelopen.
(opm: de bark, bouwjaar Pruissen 1811, in maart 1818 in Londen als ex-EMMA voor GBP 660.-.- aangekocht door kapt. H. Derks; hier nog zeilend onder Hanoveraanse vlag, na aankomst in Nederland [zie RC 110618 en 110818] onder Nederlandse vlag gebracht)


25 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Omtrent de bekomen tijding van de dood van de Deij van Algiers vindt men het volgende: De verandering in de Algerijnse regering kan gewigtige gevolgen hebben voor de binnen- en buitenlandsche betrekkingen van dit gouvernement, indien Europa ophoudt hunne roverijen te belonen en aantemoedigen, door hun geschenken in wapenen en krijgsbehoeften te zenden, tot nadeel der zekerheid van haren eigen koophandel, en deze gelegenheid gebruikt, om de Zeeroverij en -Havernij (opm: mogelijk wordt hier averij bedoeld) te beteugelen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 april. Aangaande het schip NICOLINE FREDRIKA, kaptein Waage, in het laatst van oktober of begin van november laatstleden (opm: 1817) van Drontheim naar Amsterdam vertrokken, sedert geen berigt zijnde gekomen, houdt men hetzelve voor verongelukt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 april. Volgens berichten uit het Nieuwe Diep, zoude het schip PAULINA, gevoerd bij kaptein M. Spreeuw, van hier naar Surinamen gedestineerd, door een onbekend toeval in de brand en geheel afgebrand zijn, zo men zegt, zoude één man en de kajuitsjongen het leven erbij verloren hebben.


28 april 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Het Fregatschip PAULINE (opm: in RC 250418 en LC 280418 geschreven als PAULINA), kapt. M. (opm: Michiel) Spreeuw, van Amsterdam naar Surinamen gedestineerd, in de haven van het Nieuwe Diep liggende, heeft den 22 april, des avonds, op zijde gekregen het ligterschip van Simon Koorn, de vorige dag van Amsterdam vertrokken, uit welke het de plunje van de equipagie, benevens twee vaatjes buskruit heeft overgenomen; de volgende ochtend ten vier uren ontdekte de wacht aan boord van de PAULINE brand, die, zo het scheen, in de kajuit ontstaan was en ondanks alle aangewende pogingen ter blussing zodanig toenam, dat een half uur later de gezegde vaatjes buskruit vuur vatten en in de lucht vlogen; de bodem is tot het water toe afgebrand, en men heeft slechts een klein gedeelte van de takelagie kunnen bergen; de equipagie heeft zich gered, doch de voormalige stuurman van kaptein Spreeuw wordt vermist.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Kaptein Bardon, van Texel uitgezeild naar Londen, is voorleden nagt door de harde wind van de rede, met verlies van ankers en touwen, voor De Helder tegen de stenen aangedreven, vervolgens tegen een van de Stenenhoofden naar buiten geraakt; zes man der equipagie bij die gelegenheid aan de wal gesprongen, om te trachten een touw vast te krijgen, hetwelk mislukte, hebben niet weder aan boord kunnen komen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Den 19 april is te Ostende, met schade aan het roer, binnengelopen het schip de HOOP, kaptein A. van den Oever, van Lissabon naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Het schip DE GOEDE HOOP, N. Dogger (opm: fregat, kapt. Nan Dogger), in het begin van februari van Surinamen naar Amsterdam vertrokken, was op den 16 dezer nog niet aangekomen en had men geen tijding van hetzelve ontvangen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Het schip de GOEDE HOOP, Westerbrink (opm: tjalk, kapt. B.B. Westerbrink), van Londen naar Antwerpen, hetwelk den 31 maart Gravesend gepasseerd was, heeft twee dagen daarna bij Sheerness ten anker gelegen, doch sedert heeft men niets van hetzelve vernomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 april. Kaptein Cathol van het Amerikaanse schip FINDORFF, heeft op 5 januari het Hollands schip INDUSTRIE gesproken, dat, van Batavia komend, in nood was. (opm: fregat, kapt. Jacob Harms de Weerd; het schip kwam behouden te Amsterdam binnen, zie RC 160718)


 MCO - Middelburgsche Courant

Ostende, 21 april. Eergisteren is het driemastschip DIANA, kapt. A. Carbon, te Brugge door de heeren Sinave uitgerust, naar Batavia onder zeil gegaan.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 26 april. Den 24 dezer is alhier binnengekomen het tjalkschip de VROUW JACOBA, kapt. Erke Joosten, met tabak van Amsterdam naar Hamburg. Den 25 dito zijn uitgezeild het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk Clasen de Groot, met ballast naar Christiansand (opm: Kristiansand) en het smakschip CONCORDIA, kapt. Wijnke H. Boerma, met ballast naar Noorwegen, en is binnengekomen het kofschip WINDLUST, kapt. Willem N. Jacobs, met hout van Holmestrand (opm: in de Oslofjord). Den 26 dito is uitgezeild het kofschip JANNA SOPHIA, kapt. Hein Harmens, met haver, tarwe en vlas naar Hull.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 21 april. Heden is van hier uitgezeild het schip de GOEDE HOOP, kapt. K.J. Sinning, van Amsterdam naar Hamburg met stukgoederen en is binnengekomen het schip de GOEDE VERWAGTING, kapt. M.P. de Jong, van Hamburg naar Sneek gedestineerd met eiken balken.


01 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 30 april. Den 27 dezer is alhier binnengekomen het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. Rinse Douwes Lovius.
Den 28 dito is alhier binnengekomen het tjalkschip VROUW PETRONELLA, kapt. B. de Haan, beladen met huiden en stukgoederen, van Amsterdam naar Bremen gedestineerd.
Den 29 dito is alhier binnengekomen het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otte Pieters Smit, met hout van Drammen, en het smakschip de VROUW ENGELINA, kapt. Egbert H. de Groot, met hout.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 30 april. Den 27 dezer is alhier binnengekomen het smakschip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. Janneke H. Visser, beladen met Noors hout, van Arendahl (opm: Arendal), en den 29 dito het smakschip de BROEDERLIEFDE, kapt. Hendrik Jacobs Karst, eveneens met Noors hout van Arendahl.


02 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Hellevoetsluis, 30 april. Uitgezeild, des ochtends, de VLIJT, kapt. T. Marsch (opm: brik, kapt. Th. Marsh), naar Petersburg.


05 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 2 mei. Den 30 april is alhier binnengekomen het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Joachem Oltmans, ledigscheeps van Amsterdam om alhier te laden, het kofschip de VROUW LUBBEGINA, kapt. Claas H. de Weert, van Witstein met hout, het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, van Christiansand (opm: Kristiansand) met hout, het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. Taeke J. van der Veer, van Elbing (opm: Elblag) met rogge.
Den 1 mei is binnengelopen het sloepschip die HOFFNUNG, kapt. Willem Knudten, met de equipage van het bij Amrum verongelukte kofschip de JONGE HERMANUS, kapt. C.J. Wolff, van Hull naar Amsterdam gedestineerd geweest (opm: zie RC 070418).
Den 2 dito is uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Jurgen Schuuring, en het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Bolwijn, beide met ballast op avontuur, het tjalkschip de VROUW JACOBA, kapt. Erke Joosten, met tabak van Amsterdam naar Hamburg, en het kofschip AUGUSTUS, kapt. Jan J. Jaski, met steen en pannen naar Hamburg.


07 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 mei. Het schip THETIS (opm: Rotterdams fregat, kapt. Willem Godt), van Rotterdam naar Baltimore, is op de Cingels (opm: ondiepten in de inham bij Winchelsea, 10 mijl west van Dungeness) gestrand, en men vreest dat het schip weg zal zijn. Van de lading is een gedeelte geborgen te Margate, bestaande in kaas, genever en hennip.
(opm: het schip heeft de reis voortgezet en is ten slotte bij Les Cayes (Haïti) afgekeurd en gesloopt, in 1818 of 1819; de zeebrief werd op 29 juli 1820 geretourneerd)


  RC - Rotterdamsche Courant

Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, zijn van mening, op vrijdag den 8 mei 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement Het Badhuis, in de Boompjes, te verkopen: een partij Scheeps-Gereedschappen, geborgen van het gestrande Schoonerschip genaamd geweest de PIETER EN EMMA, gevoerd geweest door kapt. Ths. Denham (opm: zie RC 110418), bestaande uit rondhout, ankers, touwen, zeilen enz; alles bij kavelingen, zo als dezelve goederen zullen genummerd zijn liggende in Pakhuis onder de huizinge A, No. 461, aan de Scheepmakershaven en op een zolder in de Bierstraat, A, No. 404, alwaar alles heden en morgen door een ieder kan bezigtigd worden.


08 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 6 mei. Den 5 dezer is uitgezeild het smakschip de VROUW ACHENA (opm: DE VROUW ACHINA), kapt. Detmer Rijkents, met ballast op avontuur, en het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Joachem Oltmans, naar Hamburg met pannen.
Den 6 dito is binnen gekomen het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met ballast van Hull, en het kofschip MERCURIUS, kapt. Jacob B. van den Oever, met smeedskool, aardewerk, etc. van Newcastle.


09 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 mei. Op het eiland Man is verongelukt het schip de JONGE PIBO, kaptein A.B. Visser (opm: kof JONGE PIJBO, kapt. Auke Benedictus Visser), van Harlingen naar Liverpool; het volk is geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 mei. Den 16 april is te la Rochelle, wegens averij, binnengelopen het schip de ZWERVER, kaptein E. Petersen, van Middelburg naar Surinamen, laatst van de rivier de Marans (opm: rivier in Frankrijk).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 mei. Kaptein H.J. Scholtens, voerende het schip de GOUDVISCH, van Amsterdam te Lissabon gearriveerd, is, aldaar liggende, bij stormweer, door twee schepen aangedreven, waar door zijn boegspriet gebroken en het schip beschadigd geworden is, zo dat hij voor schade aan de lading vreest.


12 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 8 mei. Toen de laatste schepen St. Helena verlieten was Bonaparte (opm: ex-keizer Napoleon) nog steeds in een kwade luim, en verkoos geen lichaamsbeweging te nemen en volstrekt geen bezoeken te ontvangen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 mei. Te Koppenhagen is lek en zwaar beschadigd binnengelopen de VROUW HENRIETTA, kapt. C. Winberg (opm: buitenlander), van Libau (opm: Liepaja) naar Schiedam; moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 mei. Den 9, des morgens, arriveerde de GOEDE VERWACHTING, P. Strating, van Oleron; dezelve rapporteert, dat hij den 1 dezer, bij Portland, in goede staat gepraaid heeft het fregatschip SUSANNA MARIA, C. Doets, van Surinamen.


14 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 mei. Te Wolgast is lek binnengelopen en aldaar op de buiten rivier aan de grond zittende het schip de VROUW GESINA, kapt. H. Kuyper, van Branusberg (opm: vermoedelijk wordt Braunsberg nabij Güstrow bedoeld) naar Amsterdam; men hoopte hetzelve spoedig tot het voortzetten der reis in staat te stellen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een eiken Fregatschip, groot 130 rogge-lasten, voorzien van een goede inventaris, welke te zien is ten kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer, te Rotterdam, bij wie men ook nader onderrigt bekomen kan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. Tentye en A. v.d. Sluys, makelaars, zullen, op maandag den 18 mei 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een bezeild Pinkschip, genaamd VIVAT JOHN, lang 102 en 1 half voet, wijd 28 voet, hol 15 voet, het verdek hoog 5 en 1 half voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: zie ook RC 080216)


  DC - Dordtsche Courant

Aan deze stad zijn gearriveerd: de schepen de VREEDE, kapt. J.J. Greeven, en RESOLUTION (opm: kof), kapt. R. Muring, beide van Marennes, met zout; JANTINA HAZINA (opm: kof JANNA HAZINA), kapt. D.T. de Jong van Liverpool, met zout; de GOEDE VERWACHTING, kapt. P.L. Strating, van Isle d'Oleron, met zout; de GOEDE VERWACHTING, kapt. P.A. Vlastra van Hamburg, met teer; de EENDRAGT, kapt. H.T. Smit, en de COURIER, kapt. B.S. Stoffels, beide van London, met ballast.


15 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 9 mei. Den 7 dezer is alhier binnengekomen het kofschip de JONGE CORNELIS, kapt. Jelle H. v.d. Laan, met ledig schip van de Lemmer, en is uitgezeild het kofschip WINDLUST, kapt. Willem N. Jacobs, met ballast naar Noorwegen.
Den 8 dito zijn alhier binnengekomen het smakschip de VROUW MARGARETHA, kapt. Edzerd A. Pot, met hout van Noorwegen, en het kofschip de VROUW GESINA(opm: DE VROUW GEZINA), kapt. Roelof F. Taaij, met zout van Liverpool.


16 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 mei. J.H. Mulder, van Koningsbergen naar Rotterdam, komt binnen in het Vlie door contrarie wind en zware slagzij. (opm: smak VROUW GEZINA, zou enkele dagen later verder zeilen)
Te Terschelling is binnengekomen A. Schipman (opm: pleit la BELLE ALLIANCE), van Hull.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 mei. J.J. Kouter naar Noorwegen en R.A. Swaal naar Nerva bestemd, den 8 dezer uit zee terug, zijn met adsistentie van een loodsschuit naar Harlingen opgezeild om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 mei. Met kaptein G. Kaleshoek (opm: JONGE LODEWIJK ANTONIE), den 26 maart van Surinamen vertrokken en den 10 mei in Texel binnengekomen, heeft men berigt, dat de schepen de SURINAAMSCHE VRIENDEN, kaptein Cornelis Kraay, en MARTHA EN ELISABETH, kaptein Klaas Scholl, het eerste circa drie weken en het laatste zeven dagen voor hem gezeild zijn; alsmede dat veertien dagen na hem zouden volgen de schepen de VROUWE JEANNE, kaptein Barend Calgren, en HOOP EN LIEFDE, kaptein T. Macheelsen (opm: Tede Machielsen), en den 4 april het schip WILLEM DEN EERSTEN, kaptein J. Precht, alle naar Amsterdam.
Te Surinamen is gearriveerd A. Roos van Amsterdam, laatst van Havre; dezelve zou omstreeks den 20 april met een lading koffij en katoen de terugreis aannemen, en J. Nobel (opm: fregat IGNATIA EN JENNY), van hier, laatst uit Engeland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 15 mei. Den 13 mei is voor Veere gearriveerd het schip de ONDERNEMING, kaptein Hendrik Eeltjes, van Demerary naar Middelburg.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Op woensdag den 20 mei 1818, des voormiddags ten elf ure precies, zal de Griffier bij de Regtbank van Koophandel te Dordrecht, C.A.F. Zanders, in het Logement de Gouden Leeuw, bij de Vuilpoort, publiek verkopen: een Galjas schips hol, benevens een partij scheepsgereedschappen, bestaande in ankers, kabels, touwwerk, zeilen, enz.
Het gemelde hol is liggende in de Blaauwpoortshaven, en de gereedschappen in de Houttuinen alhier, alwaar dezelve daags te voren voor een ieder te zien zullen zijn.


19 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Den 18 april is te Libau (opm: waarschijnlijk wordt hier de baai van Libano de Arrieta, Vizcaya bedoeld) lek en beschadigd binnengelopen het schip NEPTHUNUS (opm: kof NEPTUNE, H.H. Borgerding, van Amsterdam naar Kadix (opm: Cadiz), laatst van St. Vallerij (opm: onbekend is of hier St.-Valéry-sur-Somme of eventueel St.-Valéry-en-Caux wordt bedoeld.).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Volgens brief van Gigon (opm: waarschijnlijk Gijón, Spaanse Noord-kust), was het schip de JONGE CORNELIS DE HAAN, J.J. Siedses, van Amsterdam naar Libau (opm: waarschijnlijk wordt hier de baai van Libano de Arrieta, Vizcaya bedoeld) gedestineerd, te St. Juan, een onbewoonde haven, 3 mijlen van Gigon, lek en beschadigd binnengebracht, na in een vreeslijke storm, in de nabijheid dier haven, aan de grond gezeten te hebben, doch door behulp van zeelieden weder afgebragt te zijn; de kaptein moest een gedeelte der lading lossen en zoude trachten te Gigon geld op bodemarij (opm; zie RC 160418) te bekomen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. De interessenten van het tegenwoordig in Amsterdam liggende extra welbezeild Kofschip de VROUW AMALIA WILHELMINA, groot plusminus 80 roggelasten, hetwelk voorleden jaar alhier een geheel nieuwe eiken huid bekomen heeft, en daarboven zwaar vertimmerd is, gevoerd wordende door kapitein S.P. Tanger, zijn voornemens het genoemde schip, met deszelfs toebehoren, op maandag 1 juli 1818, des avonds te 5 uren op de beurzenzaal alhier, in een termijn openlijk te laten verkopen.
De verkoopconditiën en inventaris der scheepsgereedschappen kunnen bij ondergetekende boekhouder ingezien worden.
Emden, 9 mei 1818
H. de Roth jr.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 mei. Volgens berigt van Surinamen, van den 31 maart, zou het schip (opm: fregat) ALIDA HESTER, kapt. F.J. Vlieger, den 10 april van daar de reis naar Amsterdam aannemen; nog zou in april van daar vertrekken het schip (opm: brik) MARIANNE, kapt. J. Visser, mede naar Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Men presenteert ten overstaan van de openbare notaris J. Ruardi publiek aan de meestbiedenden te verkopen: een welbezeild en in den jare 1810 nieuw uitgehaald Kofschip, genaamd de JONGE SYBRAND, laatst gevoerd geweest bij kapt. P. Schut, thans liggende in de Lemmer, lang over zijn steven 85 voet, wijd over zijn berghouten 21 voet 2 duim, en hol onder de voorste balk van de luiken 9 voet , alles Amsterdamse maat, ladende ongeveer 80 rogge-lasten, en zulks met zeil en treil, ankers en touwen, staand en lopend wand, kajuits-, koks- en bootsmansgoed, etc, alles breder bij billetten en inventaris omschreven. Wie hier aan gadinge maakt, kome op vrijdag den 12 juni 1818, des nademiddags ten één ure, bij de beschrijving, en des avonds ten zes uren bij de finale palmslag, telkens ten huize van T.A. Teitsma, kastelein in het Heeren Logement in de Lemmer, en kope op conditiën, als dan voor te lezen, welke intussen ten kantore van de notaris Witteveen in de Lemmer kunnen worden gezien.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 19 mei. Den 14 dezer is van hier uitgezeild het tjalkschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Doijes Smit, met ballast op avontuur over de Wadden naar Groningen.
Den 15 dito zijn alhier binnengekomen het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, met hout van Ostrisoer, het kofschip EENDRAGT, kapt. Hendrik C. de Jong, het kofschip HOOP EN VREES, kapt. Idze P. Piebes en het kofschip JACOBA CATHARINA, kapt. Auke E. Nijhoff, alle drie met zout van Liverpool, en het tjalkschip de VROUW FOKKINA, kapt. Douwe H. de Groot, met hout van Hamburg, terwijl zijn uitgezeild het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, met ballast naar Noorwegen en het kofschip de JONGE CORNELIS, kapt. Jelle IJ. van der Laan, met tarwe en haver naar Londen.
Den 16 dito is alhier binnengekomen het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeeven, met hout van Droback (opm: Drøbak, Oslofjord).
Den 17 dito zijn alhier binnengekomen het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Arend Klasen, en de VROUW REINERA, kapt. Berend J. Bondrager, beide met hout van Christiansand (opm: Kristiansand).
Den 18 dito is alhier binnengekomen het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk Clasen de Groot, met hout van Christiansand, en het kofschip VRIESLANDS WELVAART, kapt. Fokke Dirks van Veen, met rogge, linnen en weedas (opm: potas van wede; werd destijds gebruikt bij de bereiding van verven, zepen enz.) van Dantzig (opm: Gdansk), en is uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met tarwe en haver naar Hull.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 12 mei. Den 7 dezer is van hier uitgezeild het schip de BROEDERLIEFDE, kapt. H.J. Karst, met ballast naar Noorwegen.
Den 8 dito is alhier binnengekomen het schip de VROUW ALYDA, kapt. J.A. Bleeker, met Noors hout van Noorwegen, en is uitgezeild het schip NOOITGEDACHT, kapt. Jan Geltes, met gemalen schors naar Norden.
Den 11 dito is uitgezeild het schip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. J.H. Visser, met ballast naar Noorwegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, den 15 mei. Binnen gekomen het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, met hout van Oostrisoer; het kofschip EENDRAGT, kapt. Hendrik C. de Jong; het kofschip HOOP EN VREES, kapt. Idze P. Piebes, en het kofschip JACOBA CATHARINA, kapt. Auke E. Nijhoff, alle drie van Leverpool met zout.


21 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Batavia, 20 december 1817. Te Batavia ligt voor anker Zr.Ms. korvet EENDRAGT, te Sourabaija het Oorlogschip DE RUITER. Van daar is naar Batavia gezeild Zr.Ms. schip TROMP, en met troepen naar de Molokko's (opm: Molukken) het fregat WILHELMINA; op genoemde eilanden liggen thans de oorlogschepen EVERTSEN, PRINS FREDRIK en NASSAU, het fregat MARIA REIGERSBERGEN en de corvet VENUS.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 mei. Kapt. A.R. Spelde, voerende het schip de DRIE GEZUSTERS,van Dantzig naar Groningen gedestineerd, meldt van Delfzijl, in dato 15 mei, dat hij aldaar, met adsistentie van een visser, na verlies van anker en touw, lek binnengelopen was, hebbende aan de Juister gronden aan de grond gezeten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie.J. Wesseling, H. Wesseling en S.H. Wesseling, makelaars, zullen op vrijdag den 29 mei 1818, des namiddags ten vier uren, te Amsterdam, in de Witte Zwaan, op de Nieuwendijk, presenteren te verkopen: Een extra grote en mooije partij eiken Houtwaren, bestaande in Hamburger, Rhijnsche en Wezelsche balken en roeden, krommers en klossen, zware dennen en dikbalken, Overzeeuwsche balken, regten, krommers, kniën, extra mooije en zware palen, planken, posten en ribben en andere Houtwaren. Liggende als bij notitie wordt aangewezen, die aan het Kantoor van Bontekoning en Aukes te bekomen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, A. van Hall en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 25 mei 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Brikschip, genaamd de JONGE IJBELTJE, gevoerd door kaptein Hitte Dirks, lang 61 en 1 half voet, wijd 20 voet 3 duim, hol 11 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars en bij Van den Bey en Comp.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 19 mei. Volgens berichten van Stettijn (opm: Stettin, nu Szczecin), is te Ostende binnengelopen het schip de VROUW MARGARETHA, kaptein H.J. Mugge, van Bordeaux naar Stettijn; zijnde door op een drijvend wrak aantezeilen zeer lek geworden; men wist niet of de lading zou moeten gelost worden. (opm: zie volgend bericht)


22 mei 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 20 december 1817. Te Batavia ligt voor anker Zr.Ms. korvet EENDRAGT.
Te Sourabaija ligt het oorlogsschip DE RUYTER.
Van daar is naar Batavia gezeild Zr.Ms. schip TROMP en met troepen naar de Molukken, het fregat WILHELMINA. Op voornoemde eilanden liggen thans de oorlogschepen EVERTSEN. PRINS FREDERIK en NASSAU, het fregat MARIA REIGERSBERGEN en de korvet VENUS.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 21 mei. Den 19 dezer is alhier binnengekomen het tjalkschip MARGARETHA, kapt. Albert H. Stuur en het smakschip de VROUW ROSINA, kapt. Hendrik Onswedder (opm: DE VROUW RISSINA, kapt. Hendrik Roelofs Onstwedder), beide met hout van Noorwegen, en het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. Jacob W. Wilkens, met hout van Arendahl (opm: Arendal).


  LC - Leeuwarder Courant

Batavia, 20 december. Alhier ligt voor anker Zr.Ms. korvet EENDRAGT, en te Sourabaya het oorlogsschip Zr.Ms. DE RUITER. Van Sourabaya is naar Batavia gezeild Zr.Ms. schip TROMP, en met troepen naar de Moluccos het fregat Zr.Ms. WILHELMINA.
Op genoemde eilanden liggen thans de schepen van linie Zr.Ms. EVERTSEN (opm: ADMIRAAL EVERTSEN), Zr.Ms. PRINS FREDERIK DER NEDERLANDEN – hetwelk den 1 september te Ternate was gearriveerd –, en Zr.Ms. NASSAU, voorts het fregat Zr.Ms. MARIA VAN REIGERSBERGEN en de korvet Zr.Ms. VENUS.


23 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 21 mei. Kaptein H.J. Mugge, voerende het schip de VROUW MARGARETHA, van Bordeaux naar Stettijn (opm: Stettin) gedestineerd, te Ostende binnengelopen (opm: zie RC 210518), meldt van daar, in dato 2 mei, dat hij zijne reparatie zonder lossen volbragt had, en gereed lag om de reis te vervolgen; voor de gemaakte kosten had hij een bodemarijbrief (opm: zie RC 160418) getekend.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 mei. Den 21, des namiddags, zeilde van Helvoetsluis Zijner Majesteits schip van oorlog PIET HEIN, kapitein-luitenant Lucas, naar Vlissingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hunne Principalen, zijn van mening, na gedane aangifte, ingevolge de Wet, op dinsdag den 26 mei 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement genaamd Het Badhuis, in de Boompjes, in het openbaar te veilen en aan de meest daarvoor biedenden (zonder afslag) te verkopen: het Hol van het Galjasschip, genaamd NUE PROBE, lang over steven 66 voet 1 duim, wijd, binnen zijn huid, 22 voet, hol, in het ruim, 11 voeten 8 duim, alles Amsterdamse maat; benevens deszelfs scheeps-gereedschappen, bestaande in masten en verder rondhout, staande en lopende want, ankers, touwen, zeilen en verdere goederen meer, alles bij kavelingen; alsmede een Vlet-aak, groot omtrent zeven lasten liggende het te veilene Hol en Vlet-aak in de Scheepmakershaven, nabij de Jufferstraat, en de goederen op de kaai voor het Hol, alwaar al hetzelve daags vóór en op de dag der veiling door een ieder zal kunnen worden bezigtigd. Nader onderrigting bij gemelde makelaars.


  BC - Bataviasche Courant

Rembang, 11 mei. Gisteren heeft de scheepsbouwmeester P. Ness, een Amerikaan van geboorte, in de rivier van Lassum (opm: Lasem, 6º43’ Z.B. 111º26’ O.L.), van stapel laten lopen een schip van zeshonderd lasten, gebouwd voor rekening van de Arabier Sarief Kassim Bara Kabar. De wijze waarop dit geschiedde was zeer eenvoudig; geen slede noch gierings werden gebruikt, slechts twee mensen waren voldoende om de twee lichte blokken waarop het gehele gevaarte rustte, weg te slaan, waarna het schip onder het gebulder van het geschut statig afliep, tot groot genoegen van de verwonderde aanschouwers, die nimmer een vaartuig op een zo eenvoudige en min kostbare wijze hadden zien aflopen. (opm: zie ook BC 060219)
Bijna de gehele bevolking van deze kleine plaats was bijeen gekomen, het vergenoegen was algemeen, en dit vermeerderde niet weinig toen de echtgenote van de Resident, aan het schip, nadat hetzelve op de inlandse wijze door het werpen van enige klappers tegen de romp was gedoopt, de naam van de zoon van deszelfs eigenaar, MIER OESMAN gaf.
Na het eindigen van de ceremoniën woonden de voornaamste inwoners een wel ingerichte maaltijd bij; ook hier was de gepaste vreugde algemeen, en het zo vrolijk als schoon muziek van een bende muzikanten, uit Dajakkers bestaande, gaf dezelve bij aanhoudendheid nieuw voedsel.
De boordevol geschonken bokalen op de gezondheid van onze dierbare Koning en zijn vorstelijk geslacht, benevens de welvaart van ons moederland, met geestdrift geledigd zijnde, werd ook aan de vlijtige en vindingrijke scheepsbouwmeester Ness, en aan de niet min verdienstelijken aanlegger van de scheepstimmerwerf van Lassum (opm: Lasem), J. Dixon, gedacht, en hunnen kunstijverden verdiende lof toegezwaaid, waarna een ieder opgeruimd en tevreden 't huiswaarts keerde.
Thans staan hier op stapel een schip van zeshonderd lasten, een schoener mede gebouwd door de heer Ness, naar het model van Zr.Ms. schoener CALYPSO, en het vaartuig genaamd de GOUVERNEUR VAN DER CAPELLEN.


25 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Rotterdam, 22 mei. Met de ELISABETH JOHANNA, kapt. W. Lucas, welke de reize uit de Maze (opm: Maas) naar Java en terug in minder dan negen maanden afgelegd heeft, zijn brieven uit Batavia ontvangen tot den 20 januari l.l.
De schepen CANTON en VROUW AGATHA waren gelukkig uit Japan geretourneerd. Daarentegen hadden in de loop der maand januari de volgende de terugreize naar het vaderland aanvaard: FORTITUDO naar Oostende, de WATERLOO en de COLUMBUS naar Amsterdam, en de SELIMA naar Brugge.


26 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een Brigantijnschip, groot circa 120 lasten, oud 5 jaren, van een goede inventaris voorzien. Te bevragen bij Hudig, Blokhuyzen en Van der Eb, te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 mei. Kaptein H.J. Dik, voerende het schip JONGE ANNA, van Amsterdam te Lissabon gearriveerd, levert deszelfs lading beschadigd uit.


  DC - Dordtsche Courant

Antwerpen, 21 mei. Bij vonnis van het tribunaal van koophandel is de heer Verbucken (de zoon), koopman in deze stad, aangenomen tot cargadoor of scheepsmakelaar, het welk hem door de scheepsmakelaars aan onze beurs was betwist geworden, op grond van een Franse wet, waar van zij de stipte opvolging vorderden, niettegenstaande de geheel veranderde omstandigheden onzer commerciële betrekkingen. Niet meer dan vijf of zes in getal zijnde, waarvan ten minste vier afvielen, die zich, door het dadelijk beoefenen van de koophandel, tot de post van scheepsmakelaar, volgens de wet, hadden bevoegd gemaakt, hebben zij echter een monopolie willen in stand houden, ingesteld door de gebrekkige geest in het commerciële van Napoleon, en berekend naar het mager koopbestek der toenmalige tijden, doch geheel onvoldoende voor de tegenwoordige, die, onder een veel liberaler behering, de zeer rijke vruchten daarvan, in de uitbreiding van een steeds toenemende koophandel, heeft doen ondervinden.
Vroeger hadden zij, in een ander geval, de zelfde tegenstand gedaan, doch was toen de verzoeker als cargadoor aangenomen door de directeur-generaal der konvooijen en licenten. Thans hebben zij het voor het tribunaal beproefd, maar hebben de zelfde uitslag bekomen, en het algemeen belang heeft de bovenhand behouden, boven de aanmatigingen van eigenbaat, die alleen grond vonden in besluiten, welke de geest van Europa reeds lange heeft krachteloos verklaard.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een welbezeild Kofschip, genaamd de JUFFER ETTA, oud 6 jaren, groot plusminus 75 roggelasten, van een uitmuntende inventaris voorzien, liggende te Harlingen, adres aldaar bij de heren Repko & Feersema, of bij Jan Reinders op het Hoogezand.
(opm: de kof werd verkocht aan een rederij in Dokkum waarvan J. van der Schaaf boekhouder; nieuwe scheepsnaam JONGE TRIJNTJE, kapitein A.B. Visser)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 25 mei. Den 22 dezer is van hier uitgezeild het kofschip MERCURIUS, kapt. Jacob B. van den Oever, met haver, tarwe en gerst naar Londen, en den 24 dito het smakschip de VROUW ENGELINA, kapt. Egbert H. de Groot, met haver naar Liverpool.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 20 mei. Den 17 mei is alhier binnengekomen het schip de VROUW ELIZABETH, kapt. Dirk Raaff, met koehaar en lijmvlees (opm: ondershuids weefsel dat bij het ontvlezen van huiden afvalt en tot lijm verwerkt wordt) van Emden naar Leeuwarden.
Den 19 dito is binnengekomen het schip de VROUW ELIZABETH (opm: VROUW ELISABETH), kapt. Albert B. Ekkel, met eiken balken van Hamburg naar Leeuwarden, en het schip de VROUW JANTINA KLAZINA, kapt. Jan A. Panjer, met Noors hout van Arendahl naar herwaarts.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping van een Schuite-schip, lang over steven 70 voet, wijd 15¼ voet en hol naar advenant, met zeil, treil, ankers en touwen, zodanig en in diervoegen het in eigendom is toebehorende en bevaren wordt door Uiltje Hobbes de Jong, van Terhorne, liggende ter bezichtiging op de Heerenwal onder Nieuwehaske bij het Heerenveen. Op vrijdagen den 12 juni bij provisionele en den 19 juni bij finale toewijzing, telkens des nademiddags ten 4 uren, zal de griffier bij het vredegerecht, kanton Heerenveen, ten huize van de logementhouder H.L. Knol te Heerenveen-Ængwirden, opgenoemd Schuite-schip publiek verkopen, op voorwaarden als dan voor te lezen en die inmiddels bij hem, griffier, zijn te vernemen.


28 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 22 mei. Den 19 dezer heeft het schip de NIEUWE ZEELUST, kapt. Fredericks (opm: fregat, kapt. Carel Fredriks, zie ook RC 030318), van Amsterdam naar Batavia, te Ramsgate binnengelopen de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 27 mei. Van Vlissingen wordt van den 25 dezer gemeld: Zr.Ms. schip van oorlog PIET HEIN, komende van Helvoetsluis, is den 23 alhier in het Dok gehaald.


  RC - Rotterdamsche Courant

Middelburg, 26 mei. Het kustlicht op de toren te Westkappelle is een toestel, zeer waardig om te bezien. Het bestaat uit een zestienzijdige lantaarn of Koepel, van omtrent 12 voeten middellijns, waarvan het gehele geraamte uit ijzer of metaal vervaardigd is. Aan de landzijde is de Koepel gesloten; doch aan de zeezijde doorzigtig, bezet met grote spiegelglazen. Ingeval deze mogten breken, kan, zo veel nodig, alles worden losgeschroefd, om nieuwe glazen in te zetten.
Van boven is de Koepel mede digt gesloten, doch heeft aldaar luchtgaten, zodanig van buiten en van binnen, ingerigt, dat wel de lucht van onderen opwaards naar buiten kan worden uitgedreven, doch weinig of geen tocht van boven in de koepel vallen kan.
Binnen in de Koepel zijn, aan een stevigen en fraai bearbeidden ijzeren toestel, vijftien uitmuntend vervaardigde koperen Argandsche lampen (opm: genoemd naar A. Argand, die een olie- of petroleumlamp met holle brander verbeterde, zodat de lucht binnen in de vlam kan toetreden, waardoor de helderheid van het licht toenam en het walmen sterk verminderde) (met kousjes, en met glazen over de vlam) vastgemaakt; verdeeld in twee rijen, en geplaatst in ruim een halve cirkel. De onderste rij heeft acht, en de bovenste zeven lampen; deze zeven bevinden zich boven de tussenscheidingen der acht onderste. Iedere vlam is in het brandpunt van een parabolisch holronde spiegel van zeer zuiver gepolijst pleetzilver, waardoor het heldere licht van iedere lamp, zo sterk mooglijk, in evenwijdige stralen, naar buiten wordt terug gekaatst, en dus mijlen ver gezien kan worden. - Er kan alzo geen schip in zee zijn, van het Noorden, dóór het Westen, tot het Zuiden, voor hetwelk dit licht op verscheiden mijlen afstands uit de wal, niet zigtbaar is.
Om gedurig de nodige verse lucht, tot onderhoud der lampvlammen en ter uitdrijving van de bedorvene lucht en walm, in te laten, heeft het stenen voetstuk verscheidene tochtgaten, die, gemeenschap hebbende met de buitenlucht, binnen in de Koepel kunnen geopend of gesloten worden, naar men het nodig vindt; nog grotere zijn in de grond des koepels tot hetzelfde oogmerk.
Daar het tot het welbranden der lampen hoogst nodig is, dat de olie vloeibaar blijve, en door de koude niet stolle, dient daartoe de volgende inrigting: Omtrent in het midden van het vertrek der oppassers, onmiddellijk onder de zoldering des Koepels, is een ijzeren kagchel, uit hetwelk een buis loodregt opwaards gaat, door de zoldering tot in de Koepel, en dient om verhitte lucht derwaarts te voeren; terwijl de rook door een andere pijp zijwaards naar de schoorsteen wordt geleid. In de Koepel eindigt de luchtpijp even boven de grond in een grote koperen holle bol, uit welke drie koperen buizen voortkomen, uitlopende in een andere koperen buis, welke een weinig onder de oliehouders van de benedenste lampen-rij henen gaat. Juist onder elke lamp zijn, in deze buis, kleine openingen, waardoor de verhitte lucht, tegen de oliehouders uitstromende, de olie in dezelve belet te stollen. - De warmte, door de onderste lampen te weeg gebragt, is voldoende om het dik worden der olie in de bovenste voor te komen. Alles is uitmuntend schoon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 mei. Kaptein A. Voortman, voerende het schip JOHANNA CATHARINA, van Surinamen naar Amsterdam gedestineerd, meldt van St. Thomas (opm: Maagden Eilanden), van den 21 maart, dat hij aldaar met een lek schip binnengelopen was, en een gedeelte der lading lossen moest om te repareren, waarmede hij echter dacht in veertien dagen gereed te zullen zijn. (opm: zie volgend bericht)


29 mei 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Scheepstimmerhout, gereedschap etc. te koop bij de scheepstimmerwerf van wijlen Hendrik Barts van der Werf op de Zoutsloot te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 27 mei. Den 25 dezer van hier uitgezeild het galjootschip JUPITER, kapt. Barend R. van Wijk, het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, en het smakschip de VROUW MARGARETHA, kapt. Edzerd A. Pot, alle drie met ballast naar Noorwegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 27 mei. Den 21 mei is alhier binnengekomen het schip MARIA ELISABETH, kapt. J.H. Daller, van Tonderen (opm: Tönning) naar Londen met zwarte haver. Het kwam met zeeschade binnen en moet lossen om te repareren.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen, 27 mei. Den 22 dezer is van hier uitgezeild het schip de VROUW ALYDA, kapt. J.H. Bleeker, den 23 dito de JONGE MARGARETHA, kapt. H.R. Duet, en den 25 dito de VROUW JANTINA KLAZINA, kapt. Jan H. Panjer, alle drie met ballast naar Noorwegen.


30 mei 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 mei. Het schip JOHANNA CATHARINA, kaptein Anthonij Voortman, van Surinamen naar Amsterdam gedestineerd, te St. Thomas lek binnengelopen, was, volgens een brief van de kaptein, in dato 5 april, van deszelfs geleden schade hersteld en zou den 10 dito de reis vervolgen. (opm: zie RC 280518)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 mei. Tussen den 8 en 12 mei is van Brest vertrokken het wegens schade aldaar binnengelopen schip CATHARINA THEODORA, kaptein G.J. van Walree, van Amsterdam naar Surinamen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 mei. Den 29 april is te Corunha (opm: La Coruña) lek binnengelopen het schip de JONGE ARY, kaptein Lutjen, van Hamburg naar Livorno; moet lossen om te repareren.


  DC - Dordtsche Courant

Vlissingen, 26 mei. Het schip de JONGE AUKE, kapt. K.A. Blauw, hetwelk den 25 maart l.l. met zeeschade alhier was binnengelopen, na op 28 februari te voren te Tessel, met bestemming naar Lissabon, te zijn uitgeklaard, is, na volbrachte reparatie aan schip en tuig, heden weder naar zee gezeild; de lading bestaat in olij, kaas en boter. (opm: zie RC 280318)


  DC - Dordtsche Courant

Burgemeester der stad Dordrecht zijn voornemens, op maandag de 8 juni deze jaars 1818, des voormiddags ten elf ure, onder approbatie van de edelen achtbaren raad derzelve stad, publiek, aan de minstinschrijvenden, op de raadhuize der stad Dordrecht, aan te besteden: het doen van enige herstellingen aan de stads kielstengen, en verdere werken bij dezelve; alsmede het uithalen van oude en het slaan van nieuwe meerpalen in de stads havens, met de leverantie van de daartoe benodigde materialen.
Het bestek en voorwaarde van aanbesteding, ligt ter lezing in 't stadsmagazijn, binnen de St. Joris Poort. Zegt het voort.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia, 29 mei. Nadere berichten bij het gouvernement ontvangen omtrent het ongeluk aan Zr.Ms. schip AMSTERDAM overkomen (opm: zie o.a. RC 210318), stellen ons in staat de volgende bijzonderheden dien aangaande mede te delen.
Op den 8 december l.l. had Zr.Ms. schip de AMSTERDAM het land van Zuid-Afrika in het gezicht gekregen, en bevond zich op den 13 op de hoogte van de Plettenbergs-baaij, alwaar hetzelve door een hevige storm uit het WZW werd overvallen, waarin het deszelfs grote mast, voorsteng en kruissteng verloor. De zee was buitengemeen hol, waardoor het schip zwaar werkte en veel water inkreeg, dat steeds aanwies tegen de pompen, die door het loswerken van de spijskasten en het bijspoelen van koffij uit de lading, telkens onklaar raakten. Men was dus verplicht om steeds het water met putsen uit te scheppen. Des anderen daags was het weder bedaard, doch de hoge zee deed het schip geweldig slingeren en men kon het water bij de pomp, niettegenstaande men zes pompen aan de gang hield en gestadig met putsen en balies schepte, niet verder dan tot 6 à 7 voet brengen. De equipage hierdoor zeer afgemat wordende en het dus niet langer kunnende uithouden, besloot de kapt. Hofmeijer, op den 15 naar de Algoa-baai af te houden, teneinde aldaar te trachten de lekken te stoppen en hij ankerde aldaar in 10 vadem water. De volgende dag, ofschoon het stil weder was, wies het water bij de pompen, en het kwam de voornoemde kapitein voor, dat het voorschip geheel ontzet was, en men dus beducht moest zijn, hetzelve achter zijn ankers te zien wegzinken, waarom hij met de officieren eenparig besloot om het touw te kappen en het op strand te zetten, hetgeen den 16 in de namiddag even benoorden Swartkops rivier geschiedde.
Men trachtte dadelijk een tros aan de wal te krijgen, om het volk met de chaloepen te redden, hetgeen met de tweede naar wal gezondene gelukte, zijnde de eerste omgeslagen. Des nachts om 1 uur werd het schip door de officieren en het laatste volk verlaten, en allen kwamen behouden aan land met uitzondering van drie man van de equipage, die door de branding van een vlot afgeslagen werden. De kapt. Hofmeijer achtte zich gelukkig van het stranden niet tot de volgende dag uitgesteld te hebben, alzo het toen een stijve ZO wind woei en er een vreeslijke branding tegen het strand stond, waardoor men onmogelijk naar het wrak kon komen, om het een of ander te redden. In de nacht van den 19 tot den 20 december, is hetzelve geheel verbrijzeld.


02 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 mei. Den 19 mei is, na volbragte reparatie, van de rivier van Nantes vertrokken het schip de HOOP, kapt. T.S. Mooij, van Amsterdam naar Lissabon.


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading naar Liverpool, om op de 12 juni te vertrekken, het welbezeild kofschip de TWEE GEBROEDERS, Kapt. Wolter R. Lukens.
Adres bij Vogelsang & Co, scheepsmakelaars aldaar.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wijma te Harlingen zal op woensdag den 17 juni 1818, des nademiddags ten 2 uren bij de beschrijving, en des avonds ten 6 uren bij de finale palmslag, in het Posthuis bij Sytze Beidschat aldaar, publiek presenteren te verkopen: een welbezeild kofschip, de VROUW JANKE genaamd, lang over steven 77 voet, wijd 19½ voet, hol 8½ voet, Amsterdamse maat, met al deszelfs rondhout, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil en verdere daarbij zijnde en aanbehorende scheepsgoederen, zodanig het is liggende in de Zuiderhaven te Harlingen en wordt bevaren bij A.H. Mulder.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 2 juni. Den 28 mei is alhier uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Hijlke Wijbes Overmeer, met koolzaad, tarwe, rogge en haver naar Hull.
Den 1 juni is alhier uitgezeild het tjalkschip de VROUW MARGERETHA, kapt. Albert Stuur, de smakschepen de VROUW MARTHA, kapt. Dirk Clases de Groot, de VROUW CATHARINA, kapt. Arend Klasen, de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, de GOEDE HOOP, kapt. Jacob W. Wilkens, en het tjalkschip de VROUW WICHERDINA, kapt. .., alle met ballast naar Noorwegen, en het kofschip de VROUW GESINA, kapt. J.T. Taaij (opm: Roelof Fokkes Taay), met ballast op avontuur.


03 juni 1818


  AC - Amsterdamsche Courant

Het Hollands schip APRIL, kapt. De Groot (opm: pink, kapt. Dirk Cornelis de Groot), met 500 passagiers van Amsterdam, is met een gering verlies aan doden te Delaware aangekomen. (opm: diverse verslagen laten andere cijfers zien, zie website Marhisdata onder APRIL)


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, 1 juni. Sedert onze laatste zijn in Tessel binnen gekomen J.C. Wendt (voerende het fregat NEU VORPOMMERN, dat in juli te Amsterdam door Varkevisser, Dorrepaal en Browne, Rotterdam, zou worden aangekocht en als WILHELMINA onder kapt. Jan Palm weer naar zee ging), van Wolgast, L. Gerrits (opm: TWEE GEZUSTERS), van Hull.


04 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, binnen de Stad Brielle, een Poonschuit, met een paviljoen, in den jare 1806 nieuw uitgehaald, met zijn toebehoren, bevaren geweest door C. van der Priem, te Helvoetsluis, lang over steven ruim 52 voet, wijd op zijn berghouten 16 en 1 half voet, hol onder de watergang 5 voet 6 duim, Amsterdamse maat, geijkt op 19 last. Nader informatie bij M. Quispel, te Brielle.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een extra snelzeilend Sloepschip, groot circa 25 lasten, in Engeland gebouwd en hebbende aldaar kortelings een volkomene reparatie ondergaan, van een goede inventaris voorzien.
Te bevragen bij W. Smith en Comp, cargadoors te Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Kaptein Martens, voerende het schip de VIER KINDEREN, van Amsterdam naar Stettin gedestineerd, meldt van Tonningen, in dato 20 mei, dat hij den 24 april uit het Vlie in zee gezeild zijnde, sedert gedurig met contrariewind en storm had moeten worstelen en door een zware stortzee enige zeilen verloren, andere gesneden en schade aan zwaard en boot bekomen hebbende, den 24 mei te Tonningen door een loodsschuit binnengebragt was; hij zou aldaar repareren en hoopte binnen acht dagen gereed te zullen zijn om de reis te vervolgen; zijnde, zo ver hij ontdekken kon, de lading in goede staat.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Te Homlesund (opm: waarschijnlijk Holmsont, nu Holmbu), in Noorwegen, is met zware schade binnengekomen het fluitschip de KROONPRINS DER NEDERLANDEN, kaptein R. Jansen Duyf, van Amsterdam naar Nerva; had 48 uur op de rotsen gezeten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Het nieuwe fregat WILLEM DEN EERSTEN, kaptein J. Sprecht (opm: Jan Fredrik Rudolf Precht), met een lading koffij en katoen den 9 april van Surinamen naar Amsterdam vertrokken, is den 22 mei, uit hoofde van aanhoudende tegenwinden, te Portsmouth binnengelopen; alles was in de beste staat, en de kaptein dagt met de eerste gunstige gelegenheid de reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Den 24 mei is te Portsmouth binnengelopen het schip IRIS, kaptein Herbert, van de Kaap de Goede Hoop naar Holland; hetzelve is den 12 maart van de Kaap gezeild en heeft aan boord de equipagie van Zijner Majesteits Oorlogschip AMSTERDAM, op de terugreize van Batavia in de Algoabaai verongelukt (opm: zie RC 210318).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Den 20 mei is te Falmouth binnengelopen het schip ELLERGLIL, kaptein Luke, van Java naar Rotterdam; zijnde den 2 januari van Java en den 23 maart van St. Helena vertrokken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juni. Kaptein B.J. Smeengh, van Amsterdam te Kadix (opm: Cadiz) gearriveerd, heeft den 20 april op 47 gr. 57 min. breedte (opm: Noord), 7 gr. 10 min. lengte (opm: West), in goede staat gepraaid het schip ATTALANTE, kaptein J. Stoffers, van Amsterdam naar Surinamen; volk en passagiers waren in de beste welstand.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, J.H. Schäffer, J. Boelen en H.J. Rietveld, makelaars, zullen, op maandag den 8 juni 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair wel bezeild Brikschip, genaamd de CERES, gevoerd door kapt. F. Geercke, lang over steven 91 voet, wijd, 25 voet 5 duim, hol, 11 voet 6 duim, het verdek hoog 6 voet 3 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


05 juni 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Men presenteert, ten overstaan van een daartoe bevoegd ambtenaar, publiek bij strijk- en verhooggeld, aan de meestbiedende te verkopen: een welbezeild en in den jare 1796 nieuw uitgehaald Kofschip, genaamd CORNELUS EN PETRUS, laatst gevoerd geweest bij kapt. Jacob Bodes Kooistra, liggende aan de scheepstimmerwerf van de meester-timmerman Cornelis Tentije, de Orange Boom, in de Bikkerstraat te Amsterdam, lang over steven 106 voet, wijd bij de eerste balk voor het grote luik binnen zijn huid 24 voet, hol in het ruim bij de eerste balk voor het grote luik op zijn uitwatering 13 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat, en zulks met zeil en treil, ankers, touwen, staand en lopend want, kajuits-, koks- en bootsmansgoed, enz, alles breder bij billetten en inventaris omschreven.
Wie hier aan gadinge maakt, kome op dinsdag den 30 juni 1818, des nademiddags ten 2 uren bij de beschrijving en des avonds ten 6 uren bij de finale palmslag, ten huize van E. Dalsma, kastelein in de Witte Arend te Sneek, en kope op conditiën dan voor te lezen. Iemand nader onderricht begerende, vervoege zich te Sneek bij de advocaat B. Haga en de koopman H. Bootsman, en te Amsterdam ten kantore van de heren Van Heijnen en Tentije.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris W. Steenbeek te Heeg presenteert publiek bij strijk- en verhooggeld aan de meest biedende te verkopen: een wel betimmerd Kofschip, lang 49 voet, wijd 11¼ voet en hol na advenant, met daarbij behorend het zeil, fokken en kluiffok, verder zodanig het door Fokke Johannes Rinshoven als eigenaar is bevaren en te Heeg is liggende. Wie daaraan gadinge maakt, kome op woensdag den 17 juni 1818 bij de beschrijving, en op donderdag den 25 dito daaraanvolgende bij finale toewijzing, telkens des nademiddags ten 2 uren ten huize van Jacobus Homans, tapper te Heeg, en kope op de dan voor te lezen conditiën, die inmiddels zijn te vernemen bij de notaris voornoemd.


06 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Tien à twaalf scheepstimmermans knechts, vast werk begerende, adresseren zich bij J. Roose, te Middelburg, op de Koorndijk, Litt. P, No. 86.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 juni. Den 31 mei is bij Den Abt (opm: bank ten zuiden van Terschelling, thans Grote Plaat en Jacobsruggen) gezonken het schip HET VERTROUWEN, kaptein Johann Meijnert, van Amsterdam naar Hamburg; het volk is gered en een gedeelte der lading wordt nat geborgen en naar Harlingen gebragt. (opm: zie RC 090618)


09 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juni. Aangaande het schip HET VERTROUWEN (opm: ever, ex-LIEBE), kapt. J. Mynert, van Amsterdam naar Hamburg gedestineerd, volgens berigt bij Den Abt gezonken, wordt in een brief van Hamburg, van den 3 juni, gemeld, dat hetzelve, door adsistentie van twee vaartuigen, geligt en, benevens de ligter, waarin tevoren een groot gedeelte der lading geborgen was, in de haven van Harlingen gebragt is; bij visitatie is gebleken dat het schip een groot gat in de boeg gestoten had en dus op een blind anker of ander onvoorzien punt moet getroffen hebben; de goederen, inzonderheid de koffij en papier, waren zwaar beschadigd. (opm: zie RC 060618; als HOOP ging de ever in september onder kapt. Claus Pieper weer in de vaart)


  DC - Dordtsche Courant

Antwerpen, 7 juni. In de afgelopen maand zijn 1.200 lasten tarwe van hier uitgegaan, en naar Engeland verzonden. Over het geheel zijn koophandel en zeevaart hier sedert enige tijd kwijnende. Het getal der ingekomen schepen, gedurende dit jaar, beloopt 250; verleden jaar bedroeg dat, op deze tijd, 600. Hiervan moeten zeker, om tot een ware vergelijking te komen, worden afgetrokken, de graanschepen, als toen ingekomen, ten gevolge van een tijdelijke speculatie; maar het blijft des echter waar, dat thans hier de handel minder levendig is dan voorheen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 8 juni. Den 1 dezer is alhier uitgezeild het kofschip de VROUW ANNEGINA, kapt. Pieter J. Hergens, met ballast naar Noorwegen, en is binnengekomen het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, van Hamburg met hout.
Den 3 dito is alhier binnengeklomen het smakschip (opm: tjalk) MARIA SOPHIA, kapt. Rinse D. Lovius, met ballast van Londen.
Den 5 dito is uitgezeild het kofschip JACOBA CATHARINA, kapt. Auke Entes Nijhoff, met ballast naar Liverpool, en het smakschip de VROUW ROSINA (opm: DE VROUW RISSINA), kapt. H.R. Onstwedder, met ballast naar Noorwegen.
Den 6 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, met hout van Droback (opm: Drøbak, Oslofjord)
Den 7 dito is alhier binnengekomen het kofschip NOORDSTER, kapt. Jannes T. de Jonge, met zout van Liverpool.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen, 27 mei. Alhier is binnengekomen het schip de VROUW GEERTRUYDA, kapt. H.D. Klatten (opm: Hendrik Dirks Klatter), van Hamburg naar Leeuwarden met eiken balken.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De deurwaarder B.L. Tuininga te Harlingen zal aldaar, op woensdag den 17 juni 1818, des nademiddags ten 2 uren bij de beschrijvinge en des avonds ten 6 uren bij de finale toewijzing, in de herberg Benthem bij de weduwe A. Bolhuis publiek presenteren te verkopen: een wel bezeild Tjalkschip, de VROUW CATHARINA genaamd, lang 66 8/11e voet, wijd op de buitenkant 13 6/11e voet, hol 5 voet, Hollandse maat, met al deszelfs rondhout, opstaand en lopend want, anker, touw, zeil en treil en verder daarbij zijnde goederen, zodanig het is liggende in de Noorderhaven vóór de weduwe J. Zeilmaker te Harlingen, gevoerd geweest bij schipper Cornelis W. Ree van West-Terschelling.


11 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 juni. Sedert onze laatste is te Texel uitgezeild P. Green (opm: fregat JOHANNA ELISABETH, kapt. Pieter Green), naar de Kaap de Goede Hoop.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 juni. Den 25 mei is te Gottenburg beschadigd binnengelopen het schip ANNA MARGARETHA, kaptein Richter, van Bordeaux naar Stettin.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 8, des middags, arriveerden te Helvoetsluis de schepen HENRIETTA, H. Dirks (opm: H. Derks), van Sint Maarten (opm: St. Martin de Ré), en de JUFVROUW MARIA, G.G. Bakker, van Hull.


12 juni 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 juni. Den 8 dito is van hier uitgezeild het smakschip (opm: tjalk) MARIA SOPHIA, kapt. Rinse D. Lovius, met granen naar Londen, en zijn binnen gekomen het kofschip de VROUW LUBBEGINA, kapt. Claas H. de Weerd, met hout van Droback (opm: Drøbak), het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, met hout van Kragroe (opm: Kragerö), het tjalkschip de TWEE GEZUSTERS, kapt. Hendrik Jurriens Duintjer, met hout van Hamburg, en het kofschip de VROUW ANNEGINA, kapt. Rente Wessels Huisman, met zout van Liverpool.
Den 9 dito zijn uitgezeild het kofschip de VROUW GRIETZINA, kapt. Claas J. de Groot, het smakschip de VROUW REINERA, kapt. B.J. Bondrager, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Lieven, alle drie met ballast op avontuur, en het kofschip EENDRAGT, kapt. Hendrik C. de Jong, met ballast naar Riga.
Den 10 dito zijn binnen gekomen het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Pieter J. Carst, met hout van Dantzig (opm: Gdansk) en het tjalkschip de JONGE SIEBRAND, kapt. A. Hasewinkel, met zout en rum van Liverpool.


13 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 juni. In een brief van Stokholm, van 29 mei, wordt gemeld, dat kaptein C. Bergström, voerende het schip CAZIN, van Amsterdam derwaard gedestineerd, bij Bjurhagen (opm: mogelijk Björkhagen, noordelijke invaart Sont), drie mijlen van Delarö (opm: niet gevonden), gestoten hebbende, tot behoud van leven, schip en lading, hetwelk reeds vier voet water in had, op strand had moeten zetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 juni. In een brief van de Kaap de Goede Hoop, van den 11 maart, wordt gemeld, dat kaptein S. Argentz (opm: Steffen Aggens), voerende het schip (opm: fregat, thuishaven Oostende) FORTITUDE, van Batavia naar Ostende gedestineerd, den 9 dito aan de Kaap de Goede Hoop gearriveerd, rapporteert, dat bij zijn vertrek van Batavia, op den 3 januari, in het opzeilen waren drie Hollandse schepen, vermoedelijk de CORNELIA, kaptein F. Sipkes, de KOORNZAAIJER, kaptein A. Smit, en de VROUW IDA ALEYDA, kaptein Klaas Sipkes, van Amsterdam, alle drie in de maand december (opm: 1817) van de Kaap vertrokken. Een Zuid Amerikasche kaper, van 32 stukken, kruiste in die zeeën, en had een groot schip genomen en enige kustvaarders gemolesteerd. Zijner Majesteits oorlogsschip TROMP, gecommandeerd door kaptein Wolterbeek, was uitgezonden om dezelve op te zoeken; voorts wordt gemeld, dat het schip de ZEEUW, kaptein L. Woutersen, van Canton naar Middelburg gedestineerd, tegen den 15 mei (opm: bedoeld is maart) de reize zou voortzetten.


16 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 9 juni. Het schip de ZEEUW, L. Woutersen, van Canton in China naar Muiddelburg gedestineerd, aan de Kaap de Goede Hoop binnengelopen, heeft den 15 maart deszelfs reis voortgezet.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Kaap de Goede Hoop, 15 maart. Vertrokken het schip (opm: fregat) FORTITUDE, kapt. S. Aggensz (opm: S. Aggens) van Batavia naar Oostende.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: Een Tjalkschip met alle toebehoren laatst bevaren door Jan Hendriks Joosten, van de werf van Siemen Geerts, op de Joure, waar het schip ligt.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 15 juni. Den 12 dezer is alhier binnen gekomen het kofschip CONCORDIA, kapt. Jan C. Nap, met zout van Liverpool.
Den 14 dito zijn alhier binnen gekomen het kofschip de VROUW BIBIANA, kapt. Israel H. Uiling, van Liverpool met zout, het smakschip de VROUW SAAPKEMA, kapt. Wolter Jans de Boer, met hout van Droback (opm: Drøbak, Oslofjord), en het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, met hout van Wilstein.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 10 juni. Den 8 dezer is van hier uitgezeild het schip de VROUW ELIZABETH, kapt. Albert B. Ekkel, op avontuur naar de Oostzee.
Den 9 dito is binnen gekomen het schip de VROUW ANNA CHRISTINA, kapt. E.C. Krije, met eiken balken van Hamburg naar Leeuwarden.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop een tjalkschip, lang over steven 71 voet, wijd over de welling 16 voet, hol naar evenredigheid, met alle deszelfs toebehoren, zodanig als hetzelve laatst door Jans Jans Paap, van de Wildervank, is bevaren, zeer geschikt om zo wel buiten- als binnenlands gebruikt te worden, zijnde door Jan Hendriks Joosten in den jare 1810 nieuw uitgehaald van de werf van Siemen Geerts op de Joure, alwaar het schip op heden is liggende en met welke laatstgemelde het accoord moet worden gemaakt.


18 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. F. der Kinderen, J.H. Schäffer en A. van der Sluys, makelaars, zullen, op maandag den 22 juni des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: het Pinkschips-Hol, genaamd FORTUNA, gevoerd geweest door kaptein H.E. Hayungs, lang 102 voet, wijd 26 voet 10 duim, hol 11 voet 8 duim, het verdek hoog 5 voet 8 duim, alles Amsterdamse maat; alsmede een partij scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, enz. Liggende als nader bij notitie zal worden aangewezen, en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 22 juni 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd WILHELMINA, gevoerd door kaptein Harmen Behrends, lang 96 en 1 half voet, wijd 24 voet 5 duim, hol 11 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: de verkoping werd uitgesteld tot 6 juli)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. H.J. Gemmening makelaar, zal op maandag den 22 juni 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Paviljoenschip, genaamd MARIA THERESIA, gevoerd door kaptein Y. Douwes, lang 67 voet, wijd 18 voet, hol 7 voet 9 duim, alles Amsterdamse maat. Zijnde dit schip zeer geschikt voor de Binnen- en Buitenlandse Vaart; breder bij de inventaris; berigt bij de makelaar en bij Gemmening en Penning.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H.A. Balwé, makelaar, zal op maandag den 22 juni 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Brikschip, genaamd NANCIJ, gevoerd door kaptein Dirk Haantjes, lang 87 voet, wijd 23 voet 6 duim, hol 13 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de Makelaar.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 17 juni. Van de equipage van het, op deszelfs retour van Batavia, in de Algoa Baai gebleven schip AMSTERDAM (opm: zie o.a. RC 210318), zijn laatstleden donderdag enige manschappen in de stad te huis behorende, alhier aangekomen. Uit de mond derzelve heeft men de navolgende bijzonderheden:
Na door aanhoudende stormen belopen, en door de ontredderden staat van hun schip genoodzaakt te zijn om, tot behoud van hun leven, de eerste de beste landingsplaats te zoeken, bereikten zij op den 16 december voornoemde Algoa Baai, waar men het geluk had van die eige dag de gehele equipage, op 3 man na, welke verdronken, aan wal te brengen, zonder toen echter tijd of gelegenheid te hebben om iets anders dan de levens der manschappen te bergen. De volgende dag, daar men zich al aanstonds in grote behoeftigheid zag, wierd besloten dat enige goede zwemmers naar het wrak zouden terug keren, om te zien, wat zij nog zouden kunnen redden; vijf daarvan kwamen door de branding heen, en bereikten het wrak, waarvan zij de kajuit nog boven water vonden; dadelijk aan het werk gaande, gelukte het hun, nog een aantal vaten met scheepsbeschuit los te maken. Zij brachten vervolgens in de kajuit de nacht over, maakten de volgende ochtend een vlot, en kwamen daarmede, met hetgeen nog in de kajuit gevonden wierd, behouden aan wal.
Na enige dagen in de grootste behoeftigheid aan land doorgebracht te hebben, kwamen, met het begin van januari, een Engelse corvet en een brik de equipage innemen.
Den 3 januari verliet men de Algoa Baai, kwamen den 11 januari aan de Kaap de Goede Hoop aan, en bleef daar tot 12 maart.
Van de Kaap, op dien dag, met de IRIS OF LONDON, de reis naar het vaderland voortzettende, kwam men 23 maart op de hoogte van St. Helena aan, waar men door het Engelse wachtschip gewaarschuwd wierd van noch het anker te mogen laten vallen, noch het eiland nabij te komen.
Op een gemaakt sein, dat men behoefte aan vers water had, kwam, terwijl men zich steeds op een grote afstand onder zeil hield, een sloep van het wachtschip aan boord, om te onderzoeken, of men wezenlijk behoefte aan vers water had, en dit alzo bevindende, bezorgde deze ons, zonder dat het aan de IRIS OF LONDON geoorloofd was om de kust naderbij te komen, veelmin aan iemand onzer vergund werd om aan wal te gaan.
In de gesprekken, welke wij bij deze gelegenheid met een officier van het wachtschip hadden, verhaalde ons deze (en ook als een eenvoudig verhaal van denzelve wordt zulks hier gemeld), dat zo veel voorzorg nodig was, en misschien nog sterkere ten aanzien van voorbijvarende schepen zouden genomen worden, uit hoofde het eiland reeds tweemalen in groot alarm was geweest, wegens pogingen, welke de grote aldaar zich onthoudende (opm: bedoeld wordt ophoudende) staatsgevangene, Bonaparte, gedaan had, om te ontsnappen.
Eenmaal, dus verhaalde hij, was Bonaparte uit Longwood verdwenen, en onder een klip gevonden, met 19 geweren bij zich, en daarna was hij nog eens weg geweest en twee dagen te vergeefs gezocht, toen men eindelijk zich herinnerde dat een Amerikaans schip op de hoogte van St. Helena gekruist had, en dat schip een snelzeilende kotterbrik achterna zond, welke het geluk had gehad van de Amerikaan in te halen, en op denzelve eindelijk, door het klappen van een der matrozen, Bonaparte te vinden, in een vierkante kist, welke, nevens verscheidene andere, het uiterlijk aanzien had van koopmansgoederen te bevatten.
De officier voegde er bij, dat, sedert, de strengste orders ter zijner bewaking aan wal gegeven waren, en, zodra de deur van zijn woning open ging, een schot, zodra hij zelve aan de deur verscheen, een tweede schot, en, zodra bij buiten dezelve trad, een derde schot gedaan wierd, op welke laatste schot dan dadelijk alle militairen op het eiland onder de wapenen kwamen, en alle posten verdubbeld wierden.
De IRIS OF LONDON, St. Helena verlaten hebbende, kwam zonder verdere ontmoetingen, den 4 dezer in Texel binnen.
Wij geven dit verhaal voor hetgeen het wezen moge. Maar opmerkelijk is het evenwel, dat het juist op een tijd komt, waarop wij van London bericht hebben, van een welgelukte poging enes Engelsen matroos om ongemerkt Bonaparte te bezoeken, alsmede dat op zaterdag den 6 dezer de Major Moodie, met depêches van sir Hudson Lowe op St. Helena, te London aankwam, waarbij, zo als men te London zeide, sir Hudson Lowe zou verklaard hebben, dat, indien het verder, zo als tot hiertoe, aan schepen vergund wierd om St. Helena aan te doen, hij niet kon instaan voor de zekerheid van zijn gevangene; ten gevolge waarvan met verder te Londen wilde, dat aan de uit Indië retournerende schepen, zowel als aan alle andere, een andere verversingsplaats zou aangewezen worden.


19 juni 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Scheepstimmermansknecht kan werk krijgen bij Tjeerd Tjallings van der Werf, scheepstimmerman bij het schuithuis te Heerenveen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De kof de JONGE SYBRAND, liggende in de Lemmer, welke op den 12 juni l.l. aldaar geveild is geworden en niet hoger dan tot de geringe waarde van NLG 4060 is gekomen, is goedgevonden de finale toewijzing uittestellen tot op vrijdag den 26 juni eerstkomende, des nademiddags ten 3 uren. Iemand nadere onderrichting begerende, adressere zich bij de notaris Ane Witteveen in de Lemmer. (opm: zie LC 190518)


20 juni 1818


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 18 juni. Sedert de 14de dezer is de Schelde opgevaren, richting Antwerpen, ORANJE BOVEN (opm: smak), kapt. K.P. Kramer, van Bordeaux, met wijnen.


23 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Van Middelburg wordt van den 19 dezer gemeld: Het schip de ZEEUW, kaptein L. Woutersen, komende van Canton in China, dat in het gezigt van de wal was, is heden middag, met zijne volle lading, door de haven binnen deze stad gearriveerd, wordende door een menigte aanschouwers toegejuichd en verwelkomd. Naar men verneemt is dit het enigste Nederlandse schip, hetwelk in het afgelopen jaar (opm: 1817, zie RC 230418) op Canton is geweest.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 22 juni. Kaptein S. Tekles rapporteert, dat hij in de nagt van den 10 op den 11 april 1818, op de hoogte van 24º57’ breedte (opm: Noord) en 79º58' lengte (opm: West), aan het inkomen van de golf van Florida, was aangevallen door een schooner van Buenos-Aijres, en dat die rovers hem uit zijn kajuit hadden ontroofd van alle klederen en zijn meeste kleinodien en gerieflijkheden, alsmede nog een goede kwantiteit zeilage en andere goederen meer.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 20 juni. Sedert onze laatste is de Schelde opgevaren naar Antwerpen de JONGE DAME ELISABETH (opm: kof JONGE JUFVROUW ELISABETH), kapt. S. Teekles, van de Havanna, met suiker en verwhout.
Naar Dordrecht de VIJF GEBROEDERS, kapt. Auke Willems, van Liverpool naar Dordrecht.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, uit een brief van 18 februari, naar aanleiding van een opstand op de Molukken.
De spoedige verschijning van een scheepsmacht heeft bijgedragen tot een oplossing. De scheepsmacht bestaat uit 3 linieschepen: EVERTSEN, NASSAU en de PRINS FREDERIK, 2 fregatten, de MARIA REIGERSBERGEN en de WILHELMINA en 2 korvetten, de VENUS en de IRIS en nog het schip TROMP (opm: zie o.a. PGC 281117).


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 20 juni. Uitgezeild het kofschip de DRIE VRIENDEN, kapt. J.J. Mulder, met stukgoederen en pannen, naar Riga.


25 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 juni. Den 14 februari lagen te Batavia de schepen de VROUW AGATHA, kaptein Roelof Witsen, naar Macassar; CANTON, kaptein J. Schinderhutte, naar Sourabaija; AURORA, kaptein Nannings, naar Amboina (opm: Ambon), en ANTONETTA JACOBA, kaptein F. Baas, naar Amsterdam gedestineerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juni. Waarschuwing.
Burgemeesters der stad Rotterdam onderrigt zijnde, dat sommige schippers binnen het Rijk, doch niet hier ter stede te huis behorende, weigerachtig zijn, om het gewone havengeld te betalen, onder voorgeven, dat, vermits bij art. 198 van de Ordonnantie (opm: verordening) op het inkomen, uitvaren, doorschieten en leggen van schepen en schuiten binnen de havens dezer Stad, van den 10 april 1715, onder anderen is bepaald, dat van dit havengeld vrij zullen wezen alle de Gildebroeders van het Groot- en Klein-Schippersgilde dezer Stad.
Zo is het, dat Burgemeesters voornoemd, bij deze, ter kennis van allen en een iegelijk, daar bij geconcerneerd (opm: betrokken), brengen, dat het Schippersgilde, zo als hetzelve bevorens heeft bestaan, vervallen zijnde, voorzeide vrijdom is komen te cesseren (opm: eindigen), en de Schippers hier ter stede te huis behorende, zo wel als de vreemde binnenlandse Schippers, aan de betaling van voorschreven havengeld zijn gesubjecteerd (opm: onderworpen); waarschuwende, dien volgende, alle de belanghebbende Schippers, dat het havengeld van alle, zo vreemde als hier ter stede te huis behorende Schippers, zonder onderscheid, conform de Ordonnantie van den 10 april 1715, dewelke bij publicatie van den 22 juni 1814 is gemaintineerd (opm: gehandhaafd), door de havenmeester stiptelijk zal worden ingevorderd, en het uitvaren der Schepen, voor dat hetzelve is betaald, zal worden belet.
Aldus gearresteerd, en van den Raadhuize der stad Rotterdam gepubliceerd den 24 juni 1818.
Burgemeesters voornoemd, Marinus Hoog.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 juni. Kaptein A. Thomsen, voerende het schooner-brikschip AURORA, den 12 mei van Havanna vertrokken en den 22 dezer te Helvoetsluis gearriveerd, rapporteert dat hij den 9 der lopende maand, op 42º11’ noorderbreedte en 33º36’ westerlengte van Greenwich, heeft gepraaid de Engelse brik WELLINGTON OF CORK, komende van Amerika en naar Engeland gedestineerd, welke enige dagen te voren door een klein vaartuig was gejaagd, hetgeen echter, na bespeurd te hebben dat voornoemd schip sterk bemand was en er zich diverse officieren aan boord bevonden, dadelijk afhield.
Voorts rapporteert dezelve, dat er te Havanna een Hollandse brik, ’t huis behorende te Groningen (opm: HOOP, in 1818 de enige Groninger brik, kapt. Jan Jansen Drok uit Farmsum), was gearriveerd, welke, van Curaçao komende, gedurende de overtogt door een Cartageense (opm: uit Cartagena, Colombia) kaper van deszelfs victualie, touwwerk, zeildoek, enz. was beroofd, zo mede de passagiers en equipagie van hunne klederen en contanten.
Een Deense brik, te Altona ’t huis behorende en naar Hamburg gedestineerd, was, twee dagen na zijn vertrek van Havanna, door een rover genomen, welke de equipagie op het eiland Cuba aan de wal gezet heeft, na hun bijna alles ontnomen te hebben; de equipagie van de kaper bestond, voor zo ver men had kunnen bespeuren, geheel uit Engelsen.


  DC - Dordtsche Courant

Middelburg, 22 juni. Gister is op de rede van Middelburg gekomen het fregatschip MIDDELBURGS NIEUWE HAVEN, F.F. Ferber, op den 22 april van New-Orleans vertrokken, zonder noodzaakt te zijn geweest van ergens te relacheren (opm: een haven aan te doen). Deszelfs lading bestaat voornamelijk in beste Virginie tabak en andere koopmanschappen.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 23 juni. Gisteren en heden zijn naar Antwerpen de Schelde opgevaren: ZORGVULDIGHEID, kapt. D. Sorgher (opm: brik, kapt. Jean de Sorgher), van Bordeaux, met wijnen; LA FANNY, kapt. A. Besemer, van Rio Janeiro, met koffij, suiker en katoen.


26 juni 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 25 juni. Den 24 dezer zijn van hier uitgezeild het tjalkschip de TWEE GEZUSTERS, kapt. Hendrik J. Duentjer (opm: Hendrik Jurriens Duintjer) en het kofschip de LAMBERTHA, kapt. Feije Remts Coerkamp, beide met pannen naar Hamburg, en zijn binnen gekomen het tjalkschip de VROUW ANTJE, kapt. Obbe Geuchies, ledig van Amsterdam, en het tjalkschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Marten Pieters de Jong, met hout van Kragroe (opm: Kragerö).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: het Smakschip MARGARETHA, liggende aan de werf de Rave op Wittenburg te Amsterdam, groot circa 40 rogge-lasten, voorzien van complete inventaris, te bevragen bij de heren De Vries & Co te Amsterdam en de heren Barend Visser & Zoon te Harlingen.


27 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juni. Den 29 mei is, na sedert den 6 dito voor de Straat (opm: Straat van Gibraltar) gekruist te hebben, wegens gebrek aan provisie en aanhoudende tegenwind, te Malaga binnengelopen het schip REIGERSDAAL, kaptein L.H. Schneider, van Smirna (opm: Izmir) naar Amsterdam; hetzelve lag den 31 dito gereed, om bij de eerste gunstige gelegenheid de reis te vervolgen. Volgens schrijven van gemelde kaptein, waren aldaar, uit hoofde van gedurige westelijke winden, circa zestig schepen liggende, waarvan vier Hollandse, en onder deze de AURORA, kaptein R. Akkerman, van Barcelona.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juni. Den 18 mei is te Santa Cruz de Teneriffe binnengelopen het schip de HERSTELLING, kaptein D. Siebolts, van Amsterdam naar Surinamen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 juni. Van Havana wordt van den 29 april gemeld, dat men aldaar dagelijk insurgenten (opm: opstandelingen) kapers in het gezigt had; een Hamburger schip en een Deense brik waren door dezelve genomen, en een ander Hamburger schip, van Havana komende, geplunderd; de equipagien der genomen schepen waren te Havana teruggekomen en berigtten dat vijf grote kapers in de nabijheid kruisten. (opm: zie RC 250618)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Een particuliere brief, geschreven aan boord van een Zijner Majesteits schepen van oorlog, welke hebben medegewerkt tot demping van de opstand op de eilanden van Haroekoe en Saparoua, vermeldt dienaangaande de volgende bijzonderheden:
Bij het uitbreken van de opstand op Saparoua, waarbij de rebellen de Resident Van den Berg, deszelfs echtgenote en kinderen, op de gruwelijkste wijze om het leven bragten en iedere Nederlander vermoordden, nam een inlander, Thomas Matulessy genaamd, het opperbevel over het gehele eiland op zich; hij verklaarde zich mede als opperhoofd van de naburige eilanden, en droeg de uniform van een der bij de eerste expeditie gesneuvelde officieren. Reeds voor de maand augustus zeilde Zijne Majesteits fregat van oorlog MARIA REIGERSBERGEN, naar Saparoua, om zich weder van het fort Wijk-bij-Duurstede, op hetzelve gelegen, meester te maken. Aan het oogmerk dezer zending werd ten eenemale voldaan en het fort stormenderhand vermeesterd; doch de krijgsmagt was te gering, om als toen de veroveringen verder uit te breiden, weshalve men zich bepaalde tot de bezetting van het fort alleen, waarin men dan ook door de rebellen ten naauwste werd geblokkeerd, zodanig, dat de belegerden zich niet buiten hetzelve konden wagen, zonder gevaar te lopen van door de belegeraars, welke toonden zeer goede schutters te zijn, te worden doodgeschoten.
Na het arrivement van Zijne Exc. De Commissaris-Generaal, Schout-bij-Nacht Buyskens, op Amboina, bekwam Zijner Majesteits schip van oorlog ADMIRAAL EVERTZEN (opm: ADMIRAAL EVERTSEN), gecommandeerd door Kaptein Verhuell, bevel om naar Saparoua te zeilen en zich voor het fort Duurstede te posteren. De aankomst van zulk een groot gevaarte deed de rebellen de moed niet verliezen; integendeel, naauwlijks was de kaptein geland, of zij hervattenden hun vuur met verdubbelde woede. Een wel bestuurde uitval van Kaptein Lisnet, commandant van het fort, ondersteund door het vuur van de EVERTZEN, noodzaakte echter de opstandelingen te wijken en zich in hun versterkte negerijen te bergen.
Weldra kwam ook Zijner Majesteits schip van oorlog NASSAU, gecommandeerd (na het overlijden van de Kaptein ter zee J. Sloterdyk) door de Luitenant van Ryn, in de baai van Saparoua, en als toen zeilde het fregat MARIA (opm: MARIA REIGERSBERGEN), Kaptein Groot, naar de westkant van het eiland, ten einde zich voor de versterkte negerijen van Porto en Haria te posteren en dezelve te vernielen. Des avonds liet de MARIA het anker vallen, en met het aanbreken van de dag opende het haar vuur. Toen zich het schieten uit het klein geweer, bij de landing, deed horen, liet men voor Saparoua het grof geschut op de vijandlijke verschansingen spelen, en deed men uit het fort een uitval, ten einde de aandacht der rebellen aftewenden en alzo Kaptein Groot in zijn aanval te ondersteunen, met dat gewenst gevolg, dat verscheidene opstandelingen, welke reeds op weg naar Porto waren, terug keerden. Weldra zag men van de kant van Porto een zware rook opgaan en des avonds hoorde men van de MARIA (opm: MARIA REIGERSBERGEN) twee kanonschoten en zag men vier vuurpijlen opstijgen, ten teken dat de aanval met een gewenst gevolg bekroond was geworden. Des nachts hoorde men de alarmkreet van de rebellen en het geluid hunner horens in de bossen.
Den 9 november, des nachts ten twaalf uren, bekwam men in de baai bericht van de MARIA dat het eiland Haroeko door de troepen en matrozen van Zijner Majesteits schip van oorlog PRINS FREDRIK, onder bevel van de Majoor Meijer, was vermeesterd; dat de Majoor de volgende morgen ten vijf uren met zijn divisie zoude opmarcheren om de versterkte negerij Tiouw, gelegen aan de baai, onder het vuur der schepen en van het fort, aan te vallen, met aanwijzing om, zo dra men de nadering van de Majoor vernam, een uitval te doen op de sterkten, ter blokkade van het fort dienende, dezelve te vermeesteren en men zich alzo met de kolonne van de Majoor te verenigen. Het nodige werd voor de uitval gereed gemaakt. Het bevel van de divisie Evertzen werd aan de Luitenant ’t Hoofd opgedragen; men voorzag dezelve van een vaandel en veldstukken, en de bewaring van het fort werd aan de Luitenant Anemaet opgedragen. Voor de dageraad was alles in gereedheid en ten vijf uur hoorde men de kannonade van de MARIA, ter dekking van de landing van Majoor Meyer op Porto, waarop de oorlogschepen voor het fort mede dadelijk vuur gaven, ten einde de rebellen aldaar bijeen te houden. Niettegenstaande men ten half zeven nog niets van de Majoor vernam, begreep men echter dat hij niet ver meer af konde zijn, weshalve de uitval als toen dadelijk ondernomen werd. De kolonnen geraakten in beweging en werden al spoedig door een hevig vuur des vijands begroet. Kaptein Lisnet beantwoordde hetzelve, zo met veldgeschut als met klein geweer, en drong door, onder het slaan van de stormmars, met het gelukkig gevolg, dat, juist toen men de stormmars van de Majoor Meyer, welke op de Tiouw aanviel, vernam, de vijanden hunnen sterkten verlieten en over de bergen, onder het schrootvuur van de NASSAU, de vlugt namen. Weldra zag men onze Jantjes langs het strand tirailleren; de negerij werd vermeesterd en stond al spoedig in ligte laaije vlam en de beide kolonnen verenigden zich met elkanderen.
Bij het beschouwen der vijandelijke sterkten kon men zich niet genoeg over derzelver aanleg verwonderen. De muren waren van scherpe koraalstenen, 12 à 14 voeten dik, 5 voet hoog, van buiten en van binnen met zware balken geschoord. Geen dertigponder konde door dezelve henen boren. Van geweerschot tot geweerschot waren traversen aangelegd, om zich al retirerende (opm: terug trekkende) te kunnen weren en van voren waren de muren door wolfkuilen gedekt, waarin scherp gepunte bamboezen bevestigd waren, terwijl de grond met voetangels als bezaaid was, waar door verscheidene der onzen gekwetst werden, als onder anderen de dappere Luitenant ’t Hoofd; de kwetzuur belette hem echter niet om voorwaarts te rukken. De sterkten werden met de bajonet veroverd. De bootsman van de EVERTZEN, Heers, welke het vaandel droeg, sprong over de muur, terwijl de Luitenant van de infanterie, Frisschart, aan zijn zijde sneuvelde.
De volgende dag, den 11, marcheerde de verenigde krijgsmagt naar het sterk verschanste Sirri Sorry en Ouw. Na enige schermutselingen was men meester van de eerstgenoemde negerij, een der schoonste van het eiland; zij werd geheel in de as gelegd; de kerk alleen, welke van buiten en van binnen sterk verguld en fraai versierd is, werd gespaard. Vervolgens marcheerde de Luitenant Richemont, met een divisie van 100 man, naar de negerij Ouw, doch vond aldaar zulk een geduchte tegenstand, dat hij genoodzaakt was om terug te trekken; weshalve de Majoor Meyer zijn gehele magt bijeen trok, en, onder het slaan van de stormmars, de vijandelijke werken met de bajonet vermeesterde. De vijand had ook daar zijn gehele magt verenigd. Bij het vermeesteren van de zevende verschansing, sneuvelde de Luitenant Richemont, en bekwam de Majoor, van uit een boom, een wond in de hals, waardoor hij genoodzaakt was om zich naar het schip EVERTZEN te laten brengen, na een aandoenlijk affscheid op het slagveld van zijn officieren te hebben genomen; ook de Kaptein Krieger werd gewond, doch niet gevaarlijk. Men drong door, doch bevond zich eensklaps aan alle kanten door het vijandlijk vuur omringd. De Javaanse soldaten begonnen te wankelen; men was genoodzaakt om vuur op hen te geven, ten einde hen te doen stand houden. Het gevecht werd woedend. Kaptein Krieger, in de borst en in de ribben gewond en naauwlijks kunnende spreken, moedigde met de Luitenant ’t Hoofd onze matrozen aan. Na een hevige tegenstand gelukte het de onzen om de huizen in brand te steken en alstoen namen de rebellen, niettegenstaande hun Opperhoofd en alle de overige Hoofden daar tegenwoordig waren, aan alle zijden de vlugt naar de overkant van de baai. Vele inboorlingen, welke naar de bossen geweken waren, kwamen met vredevlaggen terug, onder andere medebrengende een zoontje van de vermoorde Resident Van den Berg, hetwelk, bij de moord zijner ouders, twee houwen over het hoofd had bekomen en wien het oor was opgekapt, zodanig dat het voor dood werd gehouden; doch hetwelk door een medelijdende inboorling gevonden, genezen en opgepast is geworden. Bij geval vond men even bij het fort, even onder het zand, een Engelse reiskoffer, bevattende de treurige overblijffelen van des Residents familie, de ledematen van deszelfs echtgenote en kinderen, welke dadelijk behoorlijk ter aarde zijn besteld.
Den 12 werd gevangelijk binnen gebragt het berucht Opperhoofd. Hij voerde de titel Panbiulu Parangan di Atas Poelo, Honimao, Haroeko, Ceram, Hila, Noesfa, Laout dan Lajin Jong berikot tuwan Thomas Matulesija. Kaptein Lisnet heeft hem gevangen, ondersteund door enige Radjah’s, welke ons trouw gebleven waren, en door de inlandse Luitenant Pieterse, welke er zijn leven aan had gewaagd; wij kregen vervolgens meer andere opperhoofden in handen, onder andere het opperhoofd van Noesfa Laout, welke zijn dochter, een meisje van 16 à 17 jaren, tot wapendraagster had; voor welk meisje men vergiffenis verworven heeft. Noesfa Laout was het best gezind, weshalve op dat eiland niets verbrand is geworden.
In deze oorlog heeft de Sultan van Ternate en Koning van Tidor ons met een vloot gewapende korra-korra’s (opm: specifiek type prauw) getrouw bijgestaan. – Thans gaat het op de kust van Ceram los, om die negerijen, welke de rebellen hebben ondersteund, te tuchtigen.
Daar men een volledige overwinning had behaald en het oproer op het gehele eiland ten volle meester was, werd er van alle schepen gevlagd en op het bivak een grote loods, met vlaggen, gereed gemaakt om militaire godsdienst te houden en de Almagtige te danken voor een zo luisterrijke zegepraal. De Predikant Lenting deed een aandoenelijke redevoering; vele tranen vloten bij het herdenken aan onze gesneuvelde wapenbroeders en de lot der dapperen vervulde allen met geestdrift.
Op bevel van de Schout-bij-Nacht, die inmiddels op het eiland gearriveerd was, vertrok de EVERTZEN met de gevangenen naar Ambon. Gedurende de tijd, dat de schepen in de baai van Saparoua gelegen hebben, zijn er verscheidene schokken van aardbeving gevoeld. Een was zo hevig dat de dekken kraakten, als of het schip stootte en op het bivak schuddeden de klappus-bomen door elkanderen.
De muiterij is geheel gedempt en het gezag der Nederlanden op de rijke specerij-eilanden hersteld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, F. der Kinderen en H.J. Rietveld, makelaars, zullen, op maandag den 6 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Fregatschip, genaamd DE PHENIX, gevoerd bij kaptein A. Schrant, lang 100 voet, wijd 30 voet, hol 12 voet 2 duim, het verdek 5 voet 8 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. De makelaar Dankert de Jager, als order hebbende van zijne Principalen,is voornemens publiek te veilen, binnen Middelburg in Zeeland, op dinsdag den 7 juli 1818, des voormiddags ten tien uren, in het Heeren Logement van Oranje: 613 tonnen Christina teer; 195 dito Stokholmer kroon-pek; 1050 staven Zweeds ijzer, van onderscheiden breedte en dikte; 2 tonnen aluin, 2 vaten potasch; 100 douzijn twee duims delen; 10 dito één duims dito.
Aangebragt van Stokholm met het Zweedse schip DE HERTOGINNEN, kaptein J.M. Bartels, gearriveerd den 5 juni laatstleden; welke goederen daags vóór en op de verkoopdag door een ieder kunnen gezien worden. Nadere onderrigting begerende, adressere men zich ten Kantore van de Heren Serlé en Zonen en bij bovengemelde makelaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Den 20 dezer is te Vlissingen, onder toejuiching van een groot aantal aanschouwers, van 's Rijks werf gelukkig te water gelopen, Zijner Majesteits brik DE COURIER; zijnde het eerste Konings schip, dat sedert de gelukkige herstelling van zaken aldaar gebouwd is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 juni. Des avonds van den 25 dezer, tussen 5 en 6 uren, op de vlakte, is een kof verongelukt met de zeeloods aan boord en geladen met granen; het schip is door de hoge zee omgeslagen, zo dat hetzelve met lading en equipagie geheel weg is. De wind: W. (opm: zie volgend bericht)


30 juni 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juni. Men meldt, wegens het verongelukte schip (opm: RC 270618), dat er door de vissers is aangebragt enige tuigagie, ankers en touwwerk, doch alles zeer beschadigd, en een plank waarop staat: DE VROUW TOBIA, 1818; ook is door gemelde vissers op het schip gevonden de zeeloods, die zich met een touw aan het schip had vastgebonden, doch van de equipagie is nog niets ontdekt; ook is er van het verongelukte schip door de vissers enige gerst aangebragt. (opm: zie ook DC 250718 en RC 080818)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 26 juni. Den 6 april bevond zich op de hoogte van 22 graden zuiderbreedte het schip JEUNE MIMI, Folkerts, van Antwerpen naar Rio-Janeiro.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juni. Kapt. J.C. Willems, voerende het schip de ONDERNEMING, van Benicarlo (opm: Spanje) naar Amsterdam gedestineerd, is wegens schade te la Rochelle binnengelopen; dezelve meldt van daar, in dato 18 juni, dat hij hoopte in de volgende week zijne reparatie volbragt te zullen hebben en de lading weder te zullen kunnen innemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juni. Te Rendsburg is lek binnengelopen het schip (opm: tjalk) ANNA ELISABETH, kaptein H. Lindeman, van Dantzig naar Groningen; moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 juni. Men heeft van het eiland Curaçao berigten ontvangen, gedagtekend den 9 mei, van deze inhoud:
De vaartuigen der Onafhankelijken blokkeren de tegen ons over liggende havens van Porto Cavello (opm: Puerto Cabello) en La Guayra.(opm: La Guaira) Het Hollandse fregat EURIDICE, kaptein Polders, convoijeert bestendig af en aan de vaartuigen, die in en uit die havens moeten; dit heeft de Onafhankelijken verbitterd, en zij hebben doen weten, dat, daar de Hollanders de Spaanse schepen onder hun convooi nemen, zij thans alle Hollandse schepen zullen nemen, die hun in handen vallen, en zij hebben dan ook dezelve week reeds een Hollands vaartuig genomen. Het scheepsvolk is gisteren alhier aan land gezet, doch een Spaans kolonel, welke aan boord van het Hollandse schip was, werd dadelijk, zonder form van proces, aan de mast opgehangen.
Een ander vaartuig van Curaçao is voor enige dagen door een dergelijke kaper gejaagd geworden, en heeft zich te Cirichiribichi (opm: Chichirivichi, Venezuela) op strand laten lopen, waar hetzelve verbrijzeld is.
De Curaçaosche Courant meldt ons in verband met eerstgemeld vaartuig het volgende:
Bij de nadelen, reeds door de zeerovers vaartuigen aan de handel van dit eiland toegebragt, smert het ons, het nemen van de schooner de TWEE GEZUSTERS, van deze haven, op den 29 laatstleden (opm: april) tussen Bonaire en Klein Curaçao, te moeten voegen. De kaptein van de zeerover, na dat eigenaar en de kaptein van de TWEE GEZUSTERS aan boord van zijn vaartuig gevoerd te hebben, ging met hetzelve kruissen tot laat in de namiddag, wanneer hij een deel van zijn volk aan boord der prijs zond, die de vlag nederhaalden en de equipagie aan boord van de zeerover namen. Met zonnen ondergang kwamen zij onder Bonaire ten anker, waar ook de equipagie der TWEE GEZUSTERS werd aan land gezet. De eigenaar bleef aan boord van de zeerover tot zeven uren in de avond, pogende zijn vaartuig bevrijd te krijgen, doch alle onderhandelingen of remonstratien (opm: remonstrantiën, tegenbetogen) werden vruchteloos bevonden, daar de kaptein hem verklaarde, dat het de wens van zijn volk was om hem prijs te maken, en hij daarom verpligt was met derzelver mening overeentestemmen. De TWEE GEZUSTERS had aan boord een lading van wijn, katoen en koffij, behalve verscheide andere artikels en 248 doubloenen (opm: dubloen, oude Spaanse munt). Dezelve was met een lading muilezels van de kust naar Guadeloupe gestevend, van daar naar Porto Cavello (opm: Puerto Cabello) gezeild, en zij was op haar weg naar deze haven, toen zij genomen werd. Een Spaanse passagier op de TWEE GEZUSTERS is aan boord van de zeerover terug gehouden.
Zijner Majesteits fregat EURIDICE is woensdag namiddag naar Porto Cavelle (opm: Puerto Cabello) en La Guayra (opm: La Guaira) gezeild, onder convooij hebbende de schooners MARIA en JULIANA, van deze haven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. Herman Trip, openbaar notaris, residerende te Groningen, is voornemens, op vrijdag 10 juli 1818, des avonds te 7 uren, ten huize van de kastelein H.G. Kelderhuis aan de Noorderhaven, te Groningen, publiek aan de meestbiedende te verkopen: een welbevaren Smakschip, genaamd MARIA FREDERICA, groot plusminus 40 roggelasten, met deszelfs staand en lopend want, stuurmans-, bootsmans-, koks- en timmergereedschappen en kajuitsgoed, alles in complete staat, en in de aan te slagen verkoop-billetten gespecificeerd, invoege door kapitein Wiebe Wiebes de Jonge wordt bevaren, en thans te Groningen in de Noorderhaven, alwaar hetzelve dagelijks in ogenschijn kan worden genomen, is liggende. Om dadelijk of ten langste binnen 14 dagen na de dag van verkoop, tegen volledige betaling van het koopschat, te worden aanvaard.
Mr. H. Trip, notaris, procureur


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 29 juni. Den 27 dezer is van hier uitgezeild het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, met ballast naar Noorwegen, en is binnen gekomen het tjalkschip LORD WELLINGTON, kapt. Hendrik Swerts Hofftius (opm: Hofhuis), ledig van Amsterdam.
Den 28 dito zijn binnen gekomen het kofschip NEPTHUNUS, kapt. J.B. van den Oever, met smidskool van Newcastle, en het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. Tæke van der Veer, met granen en hennep van Dantzig (opm: Gdansk).


02 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 juni. Van Elseneur (opm: Helsingör) wordt van den 23 juni gemeld, dat het aldaar die dag uit het N.N.W. hard gewaaid had, waardoor verscheidene schepen ter rede aan het drijven geraakt waren; het schip CAROLINA DOROTHEA, kapt. J.C. Lange, van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin), had twee ankers verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 30 juni. Den 27 mei lag te Madeira gereed om deszelfs reis te vervolgen het schip de AMSTEL, kaptein D.G. Doeksen, van Amsterdam naar Rio-Janeiro.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hun Principaal, geauthoriseerd door Regtbank van Koophandel, zitting houdende binnen deze Stad, en na gedane aangifte bij de Ontvanger der Registratie, zijn van mening, op dinsdag den 14 juli 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement genaamd Het Badhuis, in de Boompjes, publiek te verkopen:
- het Hol van het bij de Marine alhier gebouwde Schoonerschip, genaamd BELGICA, lang over steven 87 voeten, wijd 21 voeten, hol 9 voeten 6 duimen, benevens deszelfs scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen en verder rondhout; alles bij Kavelingen, zo als het voorschreve Hol is liggende aan de werf genaamd Rotterdamsch Welvaren, aan de Hooge Zeedijk, buiten de Oostpoort en de goederen gedeeltelijk op de Werf en gedeeltelijk op het Pakhuis van de Heer G. van der Wallen G.Z, in het Stop van de Hooge Zeedijk;
- een snelzeilend Boeijerschip, genaamd HET ZWAANTJE, en een Ykerschuit (opm: turfeiker), met derzelver toebehoren; liggende nabij hetzelfde Pakhuis, alsmede
- het Hol van het Brigantyn-Hoekerschip, genaamd HET GOEDE OOGMERK, lang over steven 75 voeten, wijd bij het groot luik 17 voeten 7 duimen, hol in het ruim 10 voeten 10 duimen, zijnde gebouwd voor een Vis-Hoeker, benevens deszelfs scheeps-gereedschappen; liggende als in de biljetten wordt aangewezen, en kunnende alle daags vóór en op de dag der verkoop door een ieder worden bezigtigd. (opm: bewerkt)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, T. van Olivier, G.W. Sesink Clee, P.W.D.C. Vrugt en H.J. Gilhuys, makelaars, zullen, op maandag den 6 juli 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Sloepschip, genaamd de MORGENSTER, gevoerd door kaptein Jacob Kersjes de Jong, lang 57 voet, wijd 19 voet 2 duim, hol 10 voet 2 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars, en bij Van Olivier en d’Arnaud en Comp.


  RC - Rotterdamsche Courant

De Notarissen Jan Gerdenier en Pieter Colff, beide binnen de Stad Medemblik residerende, zullen, als last hebbende van hun Principaal, op donderdag den 16 juli aanstaande, in het Logement de Vergulde Valk, binnen dezelve Stad, presenteren te verkopen: een extraordinair welbezeild Driemast Hoekerschip, genaamd de JONGE NICOLAAS, gevoerd bij kaptein Reyn Annes Zwaal; zijnde in het jaar 1805 nieuw gebouwd, lang over steven 142 voeten, wijd, bij de eerste balk voor het grote luik, binnen zijn huid, 32 voeten, hol, in het ruim bij de eerste balk voor het grote luik, op zijn uitwatering, 15 en 1 half voeten, en tussen deks 7 voeten, alles Amsterdammer voeten; zodanig hetzelve met alle deszelfs rondhout, opstaande, en lopende wanten, ankers, touwen, zeilen en andere Scheepsbehoeften, binnen de haven der Stad Medemblik is liggende; kunnende de inventaris der gereedschappen en toebehoren, alsmede informatiën verkregen worden bij de Heren De Vries en Comp, te Amsterdam, Remmert de Vries Junior, te Zaandam, en Swemmer en Colff, te Medemblik.


  AC - Amsterdamsche Courant

Verkoop bij executie, ten overstaan van de Heer Regter Mr. N.A. Entrop Muller, als daartoe bij vonnisse van de Regtbank van eersten aanleg, te Amsterdam, in dato 28 mei 1818, behoorlijk geregistreerd, als commissaris benoemd.
Van een Sloep-schip, genaamd DIE HOFFNUNG, groot twintig Deense Commercie-lasten, met deszelfs touwen, zeilen, ankers, rondhout, staand en lopend want, en verdere scheepsbehoeften. Liggende binnen de kraans-boom, aan de Gording, voor deze Stad.
Deze executie geschiedt ten verzoeke van Nicolaas Bouvij, koopman, wonende binnen deze Stad, op de Keizersgracht, hebbende over dit jaar aanvrage tot patent gedaan, doch zulks nog niet bekomen, dewelk tot zijn procureur heeft geconstitueerd T. Asser, wonende op de Heeregracht, bij de Amstel, No. 8, binnen deze stad.
Op ende jegens:
Bartholomeus Jurgenson, wonende te Koppenhagen, voor drie vierde parten eigenaar van gedachte schip; en N.M. Schmidt, schipper van hetzelve schip; liggende met hetzelve voor deze stad, voor de resterende part, eigenaar van hetzelve. Uit kragte van een vonnis, van de Regtbank van eersten aanleg, te Amsterdam, regt doende in zaken van koophandel, ten behoeve van de requirant en ten laste van N.M. Schmidt, in dato 14 januari 1818 gewezen, behoorlijk geregistreerd den 19 januari 1818, door Thierens, voor het regt van twaalf guldens, twee-en-vijftig en een halve cents, en bij gebreke van betaling van een somma van veertien honderd negen-en-tachtig guldens, 30 cents, waarin dezelve schipper bij hetzelve vonnis ten principale is gecondemneerd (opm: veroordeeld) geworden met de interessen en kosten.
De inbeslagneming is geschied bij proces-verbaal van de Deurwaarder J.C. Pereboom, de dato 24 januari 1818, geregistreerd door de Verificateur Steendijk, den 26 januari 1818, voor een gulden en achttien cents.
Hetzelve schip met zijn toebehoren is door de executant ingesteld op een somma van een honderd guldens, boven welke instellingen de tweede opbiedingen zullen worden aangenomen, op maandag den 6 juli 1818, ’s middags ten 12 ure, ten overstaan van gemelde Heer Regter.
De veilconditiën zijn gedeponeerd ter Griffie van de Regtbank van eersten aanleg alhier.
Ter bekoming van nadere informatiën en visie der papieren, kan men zich ten kantore van gemelde procureur adresseren.


03 juli 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen, 20 juni. Heden is onder toejuiching van een groot aantal toeschouwers, van ‘s Rijks werf gelukkig te water gelopen Zr.Ms. brik DE COURIER, zijnde het eerste koningschip dat sedert de gelukkige herstelling van zaken alhier gebouwd is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Curaçao, 9 mei. Er heeft hier deze week een onaangenaam geval plaatsgehad. De vaartuigen der onafhankelijken blokkeren de tegenover ons gelegen havens van Porto Cavello en La Guaijra. Het Hollandse fregat EURIDICE convoijeert bestendig af en aan de vaartuigen die in en uit die havens moeten; dit heeft de onafhankelijken verbitterd, die hebben doen weten, dat zij thans alle Hollandse schepen zullen nemen, die in hun handen vallen. Deze week hebben zij reeds een Hollands vaartuig, genaamd de TWEE GEZUSTERS genomen. Het scheepsvolk is hier gisteren aan land gezet, doch een Spaans kolonel, welke aan boord van het Hollands schip was, werd dadelijk, zonder vorm van proces aan de mast opgehangen. Dit geval heeft veel ontstentenis veroorzaakt.


  LC - Leeuwarder Courant

Den 29 juni is in Texel binnen gekomen de Harlinger schoener HARLINGEN, kapt. Leendert L. Buisman, met stukgoederen van Suriname. (opm: zie ook LC 270318)


04 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 30 juli. Het schip de JONGE ELISABETH, Pickles, van Havanna te Antwerpen gearriveerd, is den 10 april, aan de mond van de Golf van Florida, door een Insurgenten (opm: opstandelingen) kaper, van vele artikelen, klederen, enz, alsmede van een grote menigte zeilen beroofd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 juli. Den 26 juni is 8 mijlen N.W. van Texel gezonken het Hanovers schooner koffschip DE RYZENDE ZON, kaptein Jan Harmz Kramer, met rogge, van Riga naar Londen; de equipagie is geborgen en te Schiedam aangebragt door het koffschip MARGARETHA, kaptein J. Albers.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Van Vlissingen wordt, in dato den 30 juni, gemeld: Naar Antwerpen is onder anderen de Schelde opgevaren het schip FREDERIQUE, kaptein C.P. Eygers, van Havanna; volgens rapport van de kaptein is hij op zee gepraaid door een korvet van de Insurgenten (opm: opstandelingen), welke, ziende dat het fregat de Nederlandse vlag voerde, hem niet het allerminste leed heeft aangedaan; hebbende de Insurgenten-kaptein alleen van kaptein Eygers tegen betaling gevraagd een minuut-glas (opm: een zandloper met de looptijd van één minuut), welke de laatste hem heeft gegeven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 juli. Den 7 maart laatstleden was, op 22º13’ Z.B. 30º20’ west van (opm: de meridiaan van) Greenwich, in goede staat zeilende het fregatschip de JONGE ANTHONY, kaptein Theorodus Azon Jacometti, van Rotterdam naar Batavia; had geene doden noch zieken.


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 6 juli 1818, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren Logement, verkopen: een extra ordinair welbezeild Brikschip, genaamd BRAAMSPUNT, gevoerd door kapitein Jan Nora, lang 85 voet, wijd 25 voet 3 duim, hol 14 voet 2 duim; alles Amsterdamse maat. Breder bij inventaris en berigt bij de makelaars.


06 juli 1818


  AC - Amsterdamsche Courant

Advertentie. F. der Kinderen, J. Corver en J.H.A. Balwé, makelaars, zullen, op maandag den 13 juli 1818, des avonds ten zes ure, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Galjasschip, genaamd SUPERBE, gevoerd geweest door kapitein Hendrik Sande, lang 69 voet, wijd 22 voet, hol 11 voet;
en een extraordinair welbezeild Galjasschip, genaamd de JONGE PIETER, lang 60 voet, wijd 20 voet 4 duim, hol 8 voet 3 duim; alles Amsterdamse maat.
Breder bij de inventarissen, en berigt bij de makelaars en bij Canne en Balwé.


07 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Uitgezeild van Texel Zijner Majesteits korvet van oorlog DE LYNX, kaptein luitenant Coertsen, naar de Middellandse Zee.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 juli. Den 29 mei is te Gibraltar lek binnengelopen het schip JOHANNA, kapt. Hok, van Bone opm: Bône, thans Annaba, Algerije) naar Stokholm (opm: Stockholm); helzelve lag den 8 juni onder reparatie, na alvorens de lading gelost te hebben.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 7 juli. Den 2 juli zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Arend Klasen, het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. D.C. de Groot, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeeven, alle drie met hout van Noorwegen en is uitgezeild het smakschip de VROUW SAAPKEMA, kapt. W.J. de Boer, met ballast naar Noorwegen.
Den 3 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. Rinse D. Lovius, met ballast van Londen.
Den 6 dito is alhier binnen gekomen het kofschip (opm: galjoot) JUPITER, kapt. B.R. van Wijk, met hout van Noorwegen


08 juli 1818


  AC - Amsterdamsche Courant

Verkoop bij executie, ter audiëntie van de Regtbank van eersten aanleg, zitting hebbende te Amsterdam, ten overstaan van de Heer Mr. N.A. Entrop Muller, als Regter Commissaris, van:
Een extra-ordinair welbezeild Fregatschip, genaamd ESTAFETTE, liggende westzijde de kraansboom, lang over steven 85 voeten, en groot circa 85 rogge lasten, met deszelfs masten, rondhout, staand en lopend touwwerk en verdere scheepstoebehoren; breder bij advertentie in de Amsterdamsche Courant van den eersten dezer vermeld.
Deze executie geschiedt ten verzoeke van Nathanaël Vye Lee en Walter Lock, kooplieden, wonende te Ilfracombe, in het Koninkrijk van Groot-Brittanniën, hun domicilium gekozen hebbende ten kantore van Daniël Crommelin en Zoonen, binnen deze stad, op de Heeregracht, bij de Leliegracht, hebbende tot Procureur W. Binger, wonende alhier.
op ende jegens
Claas Dirk Claassen, schipper, voerende het voornoemde Fregatschip, en als zodanig representerende de Eigenaars van het voorschreven Schip, welke aan de executanten onbekend zijn.
Uit kragte van een vonnis, bij welgemelde Regtbank regt doende in zaken van koophandel, ten behoeve van de executanten, den 15 mei 1818, tegen voorn. schipper gewezen, behoorlijk gewezen en vervolgens geconsignificeerd (opm: in bewaring gegeven), waarbij dezelve is gecondemneerd (opm: veroordeeld) in de betaling ener somma van NLG 18573,85, zijnde het beloop van een Bodemarijbrief (opm: zie RC 160418) met de Bodemarij-premie, bij het vonnis vermeld, en zulks met de intressen, volgens de wet, en de proces-kosten, als mede uit krachte van een vonnis, bij de Regtbank van eersten aanleg, zitting hebbende als voren, ten behoeve van de executanten, in dato 2 juni 1818, gewezen, behoorlijk geregistreerd en gesignificeerd, waarbij de verkoop van voorn. schip, in beslag van executie genomen bij proces-verbaal van de Deurwaarder Daniel Aeijelts, de dato 18 mei 1818, behoorlijk geregistreerd, ten overstaan van gemelde Heer Regter Commissaris is geördonneerd.
De regtdag der tweede opbieding en verkoop van voornoemd Fregatschip en toebehoren zal plaats hebben op maandag den 13 juli 1818, des middags ten 12 ure, op het Stadhuis, in het lokaal der executie-verkopingen.
Het voornoemd Fregatschip en toebehoren is door de executanten gesteld op een prijs van NLG 300.
De memorie van lasten en veilconditiën is gedeponeerd ter Griffie van de Regtbank van eersten aanleg voormeld.
Nader informatie te bekomen ten kantore van de procureur W. Binger, op de Raamgracht, voorbij de Zanddwarsstraat, No. 18, die voor de executanten occupeert.


09 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juli. Het schip SOPHIA, kaptein Bull, van St. Domingo, den 22 april te Jamaika gearriveerd, heeft, den 18 dito, op de hoogte van Altavella, een schooner kaper aan boord gehad, welke equipagie zei genomen te hebben twee Hollandse schepen, toen te Beata (opm: Dominicaanse Republiek) liggende, één van welke specie (opm: contant geld) aan boord had.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 7 juli. De berigten van Curaçao, tot den 9 maart, melden: Dat door twee kapers, welke daaglijks voor La Guaira kwamen, genomen was een schip, onder Nederlandse vlag, met tabak en koffij, naar Curaçao gedestineerd; de equipagie was naar Aguadilla (opm: Porto Rico) gezonden; voor enige tijd had een kaper ook Curaçao gekruist, zijnde een bijzonder snelzeilende schooner, voerende, onder anderen, twee lange achttien ponders en 110 man, welke kaptein verklaard had al het geld te zullen wegnemen, hetwelk hij aan boord der vaartuigen vond, om het even welke vlag zij voerden en deszelve ook van levensmiddelen, en hetgeen hem verder benodigd mogt zijn, te zullen beroven.


  DC - Dordtsche Courant

Ten behoeve van de belanghebbenden bij de vaart op Suriname, en speciaal van de kapiteins der derwaarts bestemde schepen, wordt herhaald de waarschuwing, tegen het overvoeren van passagiers naar die kolonie, welke niet zijn voorzien van de vereiste admissie paspoorten. De boete voor de kapiteinen, die zich aan de overtreding van dit verbod zullen schuldig maken, is bepaald op ƒ 500,- Surinaams courant, onverminderd zodanige actie als zal geoordeeld worden te behoren tegen hen, welke, bij herhaling, contrarie dit verbod mochten handelen; zullende zij, des gerequireerd, des noods ten hunnen koste, de passagiers, die geen admissie paspoort kunnen vertonen, wederom naar het vaderland moeten medenemen, en inmiddels cautie stellen, voor het gedrag van die passagiers, gedurende derzelves verblijf in de kolonie.
‘s-Gravenhage, den 6 juli 1818.


  DC - Dordtsche Courant

Ministerie voor het Publiek Onderwijs, de Nationale Nijverheid en de Koloniën.
Tot informatie der belanghebbende strekt, dat, bij koninklijk besluit, van de 3 april l.l, de consulaat rechten, welke consuls in de havens en koopsteden, gelegen in de Middellandse zee (Kadix, Seville, St. Lucar en de Mogadoorse kusten daaronder begrepen), voortaan mogen heffen, bepaald zijn, als volgt:
Voor het vertonen de zeebrieven en het viseren derzelve en van de verdere scheepspapieren, bij aankomst of vertrek per last van twee tonnen ƒ 0 – 25
Voor paspoorten aan Nederlandse zeelieden, behalve aan behoeftigen ƒ 2 – 00
Voor een legalisatie, tot doorsnijden en afzenden van zee brieven, per stuk ƒ 2 – 50
Voor een scheepsmonsterrol van een schip
van 25 tot 50 lasten ƒ 2 – 00
van 50 tot 100 lasten ƒ 3 – 00
- 100 - 150 - ƒ 6 – 00
- 150 - 200 - ƒ 9 – 00
- 200 of meerder lasten ƒ 12 – 00
De lasten tot twee tonnen ieder, en te berekenen naar de meetbrief.
Certifikaten d’origine en soortgelijke verklaringen, voor zo verre zulks
door de belanghebbenden verlangd wordt:
over een waarde onder de ƒ 600 ƒ 3 – 00
en van een waarde van ƒ 600 en daarboven ƒ 6 – 00
zonder meer.
Voor beëdigde aktes, processen verbaal, enz,
voor de eerste bladzijde van 20 regels ƒ 2 – 00
voor elke verdere bladz. van 20 regels ƒ 0 – 50
des echter, dat het geheel de som van ƒ 15 nimmer te boven ga.
(opm: de bedragen zijn uitgedrukt in caroli guldens, stuivers en duiten)
Van schepen, welke, hetzij om te vertollen, hetzij om andere redenen, de
een of andere haven aandoen, zonder in dezelve te laden, te lossen, of
lading te breken of te suppleren, zal door de consul, voor het viseren der
zeebrieven en verdere scheepspapieren, niet meerder mogen worden
genoten dan ƒ 2 – 50
Van alle, in een der havens van Spanje, alwaar nog een Nederlandse natie kas bestaat, binnen komende Nederlandse schepen, zal, door de aldaar residerende consul, worden afgevorderd 50 cents Hollands van ieder last der goederen, welk uit zodanig schip aldaar
ter plaatse zal worden gelost, zonder enige korting hoegenaamd.
‘s Gravenhage, den 19 juli 1818.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 7 juni. Te Antwerpen is gearriveerd C.P. Eggers (opm: fregat FRÉDÉRIQUE, thuishaven Antwerpen, kapt. Coenrad Peters Eggers), van de Havana.


10 juli 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Vlissingen (geen datum). Uit Vlissingen wordt gemeld: het fregat FREDERIQUE, kapitein C.P. Eijgers, met suiker, koffie en verfhout, op heden van Havanna alhier aangekomen, en de Schelde naar Antwerpen opgevaren is, is volgens rapport van de kapitein, op zee gepraaid door een korvet der insurgenten (opm: opstandelingen), welke ziende dat het fregat de Nederlandse vlag voerde, hem geen allerminste molest heeft aangedaan.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 9 juli. Den 5 dezer zijn van hier uitgezeild het tjalkschip LORD WELLINGTON, kapt. H.S. Hoffhuis, en het tjalkschip de JONGE SYBRAND, kapt. A. Hasewinkel, beide met granen naar Londen.
Den 6 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hijlke W. Overmeer, met schors naar Hull, het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Pieter J. Carst, met gerst en haver naar Londen, en het tjalkschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Marten Pieters de Jong, met haver naar Londen.
Den 7 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de VRIENDSCHAP, kapt. Klaas J. de Boer, met hout van Christiansand (opm: Kristiansand), het smakschip de JONGE DANIEL, kapt. Hendrik J. Oortjes, met hout van Oostrisoer, en is uitgezeild het kofschip NOORDSTERN, kapt. Jannes T. de Jong, met pannen naar de Oostzee.
Den 8 dito is alhier binnen gekomen het motschip de DRIE GEZUSTERS, kapt. Daniel Martens, met potaarde van Caroninerzijl (opm: Carolinensiel).


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 3 juli. Den 26 juni is alhier binnen gekomen de VROUW LUMIGINA, kapt. J.B. Goossens, met Noors hout van Farnsunt (opm: Farsund).
Den 27 dito is alhier uitgezeild de VROUW SABINA, kapt. J. Duijntjer, met ballast naar Noorwegen.
Den 29 dito is alhier binnen gekomen de VROUW GEERTRUYDA, kapt. J.H. Visser, met Noors hout van Christiansand (opm: Kristiansand), en zijn van hier uitgezeild het schip de HOOP, kapt. T.G. Kanter, met aardappelen naar Norden en MARGRITHA ELISABETH, kapt. J.H. Dolling, met haver naar Londen, hetwelk alhier sinds den 23 mei door zeeschade alhier in averij heeft gelegen.
Den 30 dito zijn alhier binnen gekomen de GOEDE VERWACHTING, kapt. H.A. Bleeker, met eiken balken van Hamburg naar Sneek, en de JONGE REINO, kapt. M.A. Brouwer, met stukgoederen van Altona naar Dockum.
Den 2 juli is alhier binnen gekomen de VROUW ALIDA, kapt. Jan A. Bleeker, met hout van Noorwegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een schuiteschip. Scheepstimmerbazen Simon Watzes en Hendrik Hendriks te Grouw, waar het schip ligt.


11 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 juli. In het Vlie is binnengekomen C.J. Ebeling van Lissabon, naar Hamburg bestemd; komt binnen door zware lekkagie en verlies van ankers en touwen; heeft op de lager wal bezet geweest, en is met behulp van een loods binnengekomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 juli. Te Havre is met enige schade binnengelopen het schip de STAD HAMBURG, kaptein F.L. Beens, van Havana naar Amsterdam; moet lossen om te repareren.


13 juli 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam den 11 Juli. Sedert onze laatste zijn in Tessel binnen gekomen R.J. Rotgans, van Barcelona en W.K. Engelsman, van Marseille


14 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Maintz, den 7 juli. De Centrale Commissie heeft, den 26 der verleden maand, de volgende beslissing in de zaak omtrent de Rhynvaart gegeven:
De Centrale Commissie heeft van haar kant op de nota van Pruissen, van den 27 februari, geantwoord door haar beslissing van den 13 maart, en refereert zich daaraan uitdruklijk.
Toen heeft zij de opmerking gemaakt, dat de verklaring van de Heer Commissaris der Nederlanden, gedagtekend den 6 maart, geheel geschikt scheen om te doen hopen, dat de moeilijkheden, die nog aan de zijde van het gouvernement der Nederlanden mogten bestaan, weldra uit de weg zouden geruimd zijn.
Dit gouvernement heeft thans door verschillende nota’s van zijn gevolmagtigde verklaard:
1) Dat in Holland geen wettige verhindering de schippers van de conventionele Rhyn konde beletten retour-ladingen te nemen; doch dat het gouvernement dit artikel geheel aan de vrijheid van de koophandel overliet. Zie de nota van de Heer Commissaris der Nederlanden van 1 april 1817.
2) Dat de schepen van de conventionele Rhijn niet meer moeten gevisiteerd worden door de tolbedienden van de grenzen van Holland, noch opgehouden in hun reis, maar dat zij die onverhinderd en zonder onkosten noch tijdverlies zullen kunnen vervolgen tot op de plaats waar zij moeten lossen; zo dat het gouvernement zich alleen voorbehield om, of op deszelfs eigene kosten de schipper te doen vergezellen door een tolbediende, of de toegangen tot de ladingen te doen verzegelen. Zie de nota van de Heer Commissaris van 6 maart 1818.
3) Dat het sijndicaat, of de vermeerdering van 15 pCt. van het tol-tarief van de Rhijn in Holland, betreklijk de tax, waarop het stond tijdens het sluiten van de akte van scheepvaart op de Rhijn te Weenen, bereids opgehouden heeft. Zie de nota der Nederlanden van den 5 der verleden maand.
4) Eindelijk, dat het scheeps ijken en de manifesten, zo als zij op de conventionele Rhijn ingevoerd zijn, en welke dienen om het octrooi te verzekeren tegen bedrog en sluikhandel, ook op de Rhijn der Nederlanden moeten ingevoerd worden. Zie de nota van 19 september van het vorige jaar.
De Centrale Commissie veronderstelt, dat door de eerste verklaring, omtrent de retour-lading der schepen, een volmaakt wederkerig regt wordt toegestaan, zo voor de ladingen die onder de naam van Thal- als Bergladung bekend zijn, en dat ten allen tijde in de Hollandse havens, aan de schippers van de conventionele Rhijn, en der daarin uitlopende rivieren, dezelfde regten worden verleend, als door de Nederlandse schippers in de havens van de Rhijn en bij-stromen genoten worden.
Zij veronderstelt verder, dat het gouvernement der Nederlanden geheel zal afzien van de maatregel om de toegang tot de ladingen te verzegelen, daar dit aanleiding zoude kunnen geven tot gegronde klagten van wege de koophandel, uit hoofde van het oponthoud, dat daaruit noodwendig volgt, en tevens om reden van het behoud der goederen; dat het daarenboven deze maatregel overtollig maakt, door een tolbediende op eigen kosten aan boord te zenden en die de nodige bevelen te geven, waar tegen de centrale commissie niets heeft aan te voeren.
Zij veronderstelt eindelijk, dat het thans afgeschafte sijndicaat de enige met de tractaten strijdende vermeerdering geweest is van de regten op de Rhijnvaart, en dat in tegenovergesteld geval men van wege het gouvernement der Nederlanden evenzeer genegen zijn zal, diergelijke lasten, die nog mochten ontdekt worden, afteschaffen.
In die veronderstellingen verklaart de centrale commissie thans, dat het gouvernement der Nederlanden tot dus ver voldaan heeft aan de eisen, door de centrale commissie, met eenparige stemmen, den 11 november 1817, uitgebragt, als voorwaarde, tot afschaffing van het regt van gedwongen oponthoud voor de Nederlandse vaartuigen, en tot voortduring der provisionele wet, en dat zij van deze staat van zaken kennis geven zal aan de respective hoven.
De centrale commissie verwacht thans dus ook het besluit, hetgeen het Pruissisch gouvernement zal nemen op de beslissing van 13 maart, en zij moet haar leedwezen betuigen, dat zo lang men zich nog kant tegen het opheffen van het stapel-regt te Keulen en Maintz, hetgeen bij een plegtig tractaat onvoorwaardelijk is vernietigd, zij zich buiten staat ziet om de voordelen van de vrije vaart op de Rhijn, die onherroeplijk bij het Weener congres verzekerd is, te doen genieten door het publiek, dat reeds zijn misnoegen getoond heeft over dit onverwagt vertragen. (opm: onderhandelingen inzake de vrije internationale handel op de Rijn)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 13 juli. Den 9 dezer zijn alhier binnen gekomen het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, het kofschip ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer L. de Vries, het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, en het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, allen met hout van Noorwegen.
Den 10 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE HERMANUS, kapt. Lolke A. Pranger, ledig van Grouw, het tjalkschip de VROUW WICHERDINA, kapt. Egbert A. Oldenburger, het tjalkschip de JONGE WOPKE BROUWER, kapt. H. Wessels, het smakschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. J.W. Overmeer, allen met hout van Noorwegen, en het tjalkschip HELENA CHRISTINA, kapt. H.J. Busker, ledig van Amsterdam, en is uitgezeild het kofschip de VROUW BIBIANA, kapt. Israel H. Uiling, met ballast naar Noorwegen.
Den 11 dito zijn alhier binnengekomen het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Harmanus Slehuis, het smakschip de JONGE THEODOOR, kapt. Hemme de Jonge, en het tjalkschip de VROUW MARGARETHA, kapt. A.H. Stuur, allen met hout van Noorwegen, en zijn uitgezeild het kofschip MERCURIUS, kapt. B. van den Oever, met granen naar Londen, en het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. T.J. van der Veer, met ballast naar de Oostzee.
Den 12 dezer is van hier uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met granen, schors en kaas naar Hull.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Aan de werf van Siemon Geerts, op de Joure, is te koop, een schuiteschip met toebehoren.


16 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 juli. Te Soutkamp is op strand geraakt, doch weder af en te Delfzyl binnengebragt het schip JOHANNES, kaptein Jan Thiessen de Jong, van Stokholm naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 14 juli. Den 11 mei lagen voor Paramaribo de volgende schepen: VROUWE JEANNE, B. Calgren; ZAANDAM, R.H. Krins; DE DAGERAAD, J. de Gorter; MARIANNE, J Visser; IGNATIA EN JENNY, J. Nobel; MARTHA ELISABETH, B.S. Booysen; de VREDE, H. Borman; JOHANNA MARIA CONSTANTIA, M. de Harder; VREES EN HOOP, Cornelis Simonsz van der Mey, en MARIA FREDERICA, Wigle Swart.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. Zuhrmulen, J. Houte Bouwer, G.J. Roland Holst, J.H.A. Balwé, J. Boelen en H.J. Gemmering, makelaars, zullen, op maandag den 20 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen:
- Een extraordinair wel bezeild gekoperd Fregat-schip, genaamd INDUSTRIE, gevoerd door kaptein J.H. de Weerd, lang 100 voet, wijd 25 voet 6 duim, hol 10 voet 9 duim, het verdek 7 voet.
- Een extraordinair wel bezeild Brik-schip, genaamd AURORA, gevoerd door kaptein A. Bakker, lang 80 voet, wijd 24 voet, hol 10 voet, het verdek 5 voet.
- Een extraordinair wel bezeild Galjas-schip, genaamd de VRIENDSCHAP, gevoerd door kaptein K.J. van Greeven, lang 69 voet, wijd 19 voet 6 duim, hol 11 voet 3 duim.
Alles Amsterdamse maat; allen breder bij de inventaris omschreven, en berigt bij de voornoemde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink en H. Smit, makelaars, zullen, op maandag den 20 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair wel bezeild Brikschip, genaamd AURORA, gevoerd door kaptein F. Schults, lang 85 en 1 half voet, wijd 24 voet, hol 11 voet, het verdek 5 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de voornoemde makelaars.


17 juli 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 juli. Den 13 dezer zijn alhier binnen gekomen het kofschip JOHAN GEORGE, kapt. Eise Uges, met zout van Liverpool, en het tjalkschip de JONGE HENDRIK, kapt. Geert T. Nieland, van Memel (opm: Klaipeda) met hout.
Den 14 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de TWEE GEZUSTERS, kapt. Popke C. de Jong, met hout van Noorwegen, het smakschip de VROUW ENGELINA, kapt. C.H. de Groot en het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smit, beide met zout van Liverpool, en is uitgezeild het smakschip de VROUW CATHARINA ,kapt. A. Klasen, met haver naar Londen.
Den 15 dito is alhier uitgezeild het motschip CHARLOTTA CATHARINA, kapt. Haije J. Bosker, met vloeren en steen naar Bremen.
Den 16 dito zijn alhier uitgezeild het kofschip de PIETER EN JAN, kapt. Jan Teevis, met pannen naar Riga, en het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk C. de Groot, met ballast naar Noorwegen.


18 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 juli. In een brief van de Kaap de Goede Hoop, van den 18 april, wordt gemeld, dat het aldaar liggende schip L'AUGUSTE, kaptein J. Grevelink, van Batavia naar Antwerpen gedestineerd, den 13 dito door het anker van een uitzeilend Engels schip, genaamd THE PATRIDGE (opm: waarschijnlijk: PARTRIDGE), een zwaar lek onder water bekomen had, waarom het grootste gedeelte der lading moest gelost worden; men had daarmede reeds een begin gemaakt en dagt binnen weinige dagen met de reparatie gereed te zullen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 16 juli. Van La Rochelle is na volbragte reparatie vertrokken het schip MARIA, kaptein C. Groth, van Hamburg naar Genua, Livorno en Triest.


21 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading: Naar Essequebo (opm: Essequibo) en Demerary (opm: Guyana), om op het laatst van augustus 1818 te vertrekken, het Nederlands nieuw gekoperd en ongemeen snelzeilend Fregatschip LA BELLE ALLIANCE (opm: zojuist aangekochte ex-ARGO), kaptein Léopold Heyde, waarvan de kajuit bijzonder geschikt en op de meest convenableste (opm: aangename) wijze met appartementen voor passagiers is ingerigt. Adres ten Kantore van de Heren Wed. Jan Pozoly en Weirather en Comp, te Middelburg, en te Dordrecht, daar het schip in lading ligt, bij de Heer Gerard Mauritz.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 20 juni Sedert de 17de dezer is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild ORANJE BOVEN, kapt. K.P. Kramer, met tarwe, naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 14 juli. Den 5 dezer zijn alhier binnen gekomen de JONGE AFINA, kapt. R.C. Hazewinkel, met Noors hout van Oostriso (opm: Oostrisör), en de VROUW HENRICA, kapt. A.W. Lukkien (opm: VROUW HENDRICA, kapt. Albert Harms Lukkien), met Noors hout van Arenthal (opm: Arendal).
Den 7 dito is alhier binnen gekomen de HOOP, kapt. T.G. Kanter, met ledig schip van Norden.
Den 8 dito is alhier uitgezeild de VROUW ALIDA, kapt. J.A. Bleker, met ballast naar Noorwegen.
Den 10 dito is van hier uitgezeild DE BROEDERLIEFDE, kapt. H.J. Karst, met stukgoederen en ballast naar de Oostzee.
Den 13 dito is van hier uitgezeild de VROUW LUMIGINA, kapt. J.B. Goossens, met ballast naar Noorwegen.


23 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. T. Zuhrmühlen, J.H.A. Balwé en H.J. Gemmening makelaars, zullen, op maandag den 27 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Sloepschip, genaamd UNIE, gevoerd door kaptein G. Schröder, lang 57 voet 8 duim, wijd 19 voet 5 en 1 half duim, hol 5 voet en 1 half duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, J. van Ouwerkerk de Vries, J.E. Lublink, J. Boelen, H.R. de Barbanson en F. Bouvy, makelaars, zullen, op maandag den 27 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen:
- Een sterk, snelzeilend, proper betimmerd en van alle gemakken voorzien Spiegel-Jagt, lang over steven 48 voet, wijd 15 voet 8 duim, hol 5 en 1 half voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris omschreven.
- Een derde part in het Brikschip ROSETTE, kapt. H.G. Bergveld.
- Een achtste part in het eenmast Galjootschip, genaamd FORTUIN, kapt. C.J. Gerkes.
- Een achtste part in het eenmast Galjootschip, genaamd VRIENDSCHAP, kapt. C. Bakker.
Alles breder bij het Biljet omschreven en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. C. de Grijs, T. Zuhrmühlen, J. Tentye, H.R. de Barbanson en F. Bouvy, makelaars, zullen, op maandag den 27 juli 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd de VROUW DOROTHEA, gevoerd door kaptein C. Bandix, lang 93 en 1 half voet, wijd 22 voet 7 duim, hol 11 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 17 juli. Op heden over 8 dagen, zijnde den 24 dezer maand, des namiddags ten drie uren, zal op één onzer scheeps timmerwerven, op een alleszints plegtige wijze, een aanvang worden gemaakt met de opbouw van twee schepen voor onze nieuwe Visserij, bij welke gelegenheid dezelve de namen zullen bekomen, het ene of het eerste die van WILLEM DEN EERSTEN, en het tweede die van de STAD ZIERIKZEE.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Burgemeester der stad Dordrecht herinneren bij deze, ingevolge daartoe bekomen aanschrijving van de Hoog Ed. Gestr. Heer Gouverneur van Zuid-Holland, aan elk en een ieder, wien zulks aangaat, en speciaal ook aan de commerciërende ingezetenen en schippers, dat in alle gevallen, en speciaal bij het transporteren van buskruit, hetzij door middel van andere vaartuigen, op het zorgvuldigste moeten worden nagekomen de bepalingen der Wet van 26 januari 1815, houdende voorbehoedmiddelen omtrent de vervoer van buskruit, oorlogsbehoeften en brandstoffen; alzo tegen overtreding derzelve ten allerstriksten zal worden gewaakt.
Dordrecht, de 22 Juli 1818.
Burgemeesteren der stad Dordrecht, ter ordonnantie van dezelve,
Hugo Gevers S.H. Lotsy


24 juli 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 23 juli. Den 17 juli is van hier uitgezeild het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, met ballast naar Noorwegen.
Den 18 dito is alhier binnengekomen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jurjen J. Schuuring, met hout van Nerva (opm: Narva, Estland) en zijn van hier uitgezeild het kofschip CONCORDIA, kapt. Jan C. Nap, met haver naar Liverpool, het kofschip CATHARINA, kapt. Daniel Tobbens, het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn en het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Stuit, alle drie met ballast naar Noorwegen, het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. R.D. Lovius, met haver naar Londen, en het smakschip de JONGE HERMANUS, kapt. Lolke A. Pranger, met haver naar Newcastle.
Den 19 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, en het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, beide met hout van Noorwegen en zijn van hier uitgezeild het smakschip de VRIENDSCHAP, kapt. Klaas J. de Boer, en het smakschip de JONGE DANIEL, kapt. H.J. Oortjes, beide met ballast naar Noorwegen.
Den 20 dito is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW ANNA, kapt. Roelof H. Pot, met schors, tarwe en haver naar Hull.
Den 21 dito is alhier binnen gelopen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hijlke W. Overmeer, met ballast van Hull, en is van hier uitgezeild het kofschip de ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Harmanus Slehuis, het kofschip ALIDA EN CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeven, allen met ballast naar Noorwegen.


25 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 21 juli. Het schip ARINUS MARINUS, A. Langeveld, van Rotterdam naar Batavia, bevond zich den 15 mei op 2 graden 26 minuten zuiderbreedte en 15 graden 30 minuten westerlengte.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier, J.E. Lublink, J. Boelen, H.J. Rietveld en G.W. Sesink Clee, makelaars, zullen, op maandag den 3 augustus 1818, des avonds ten 6 uren precies, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Fregatschip, genaamd ALNOMAC, gevoerd door kapt. Jacob Marcussen, lang over steven 90 voet, wijd 24 voet 4 duim, hol 11 voet, het verdek 5 voet, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  DC - Dordtsche Courant

‘s Gravenhage, 23 juli. Vanwege het Ministerie voor het Publieke Onderwijs, de Nationale Nijverheid en de Koloniën, is hier het navolgend bericht, ten dienste der zeevarenden, publiek gemaakt.
“Het bestuur der beurs te Riga heeft, 16 juni l.l, aan de Nederlandse consul, het volgende bericht gegeven: op bevel des keizers, zal de vuurtoren, welke aan de mond der Dwina, op de dam van fort Gomet, opgericht is, vanaf 15 juni dezes jaars en vervolgens verlicht worden. Het eerste vuur is 105, en het tweede, in dezelfde linie, 25 Engelse voeten boven de oppervlakte der zee. Het eerste zal dus op een afstand van 16, en het andere op die van 7 Italiaanse mijlen (1 Italiaanse mijl = 1.950 m, dus 16 x 1.950 = 31.200 m, respectievelijk 7 x 1.950 = 13.650 m.) zichtbaar zijn.
De inrichting van het beneden vuur heeft ten doel:
1. Om deszelfs verschijning de afstand der ankerplaats aan de zeevarende te doen kennen.
2. Om het vermijden van het rotsrif, het welk zich van Magnusholm af uitstrekt, en van de zandbanken, die gemeld eiland omgeven, tevens ook het invaren van de mond der rivier zelve gemakkelijk te maken.”
‘s Gravenhage, de 22 Juli 1818.
En vanwege het Ministerie der Marine is, mede ten dienste der zeevarenden, bekend gemaakt, “dat de onlangs, op de vlakte van de Maas, verongelukte kof (opm: VROUW TOBIA, zie o.a. RC 270618), van daar weggespoeld en gezonken is, midden in het vaarwater tussen de tweede en derde zwarte ton, van buiten of zogenaamde Nero’s, dat dit wrak, waarvan met laag water de voorsteven boven water komt, is ..eende (opm: onleesbaar) op de navolgende merken: de stenen baak, rakende aan de noordzijde van Zeeburg, het torentje van Rockanje, even bewesten het bosje, en der grote mast der fokkemast. En dat, ter aanwijzing van dit gevaar, een zwart en wit geruite ton daarop gelegd is.” (opm: zie DC 081018)


28 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hun Principalen, zijn van mening, na gedane aangifte, ingevolge de Wet, op heden den 28 juli 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement genaamd Het Badhuis, onder de Boompjes, in het openbaar te veilen en aan de meest daarvoor biedenden, of hoogst mijnenden, te verkopen: een snelzeilend Chaloupschip (opm: sloep of barkas), genaamd de JONGE MARTINUS, laatst gevoerd bij kaptein Johannes Fredeirk Ulrich, lang over steven 57 en 1 half voet, wijd, bij de eerste balk van het grote luik, op zijn binnenwegering, 16 voet 9 duim, hol, in het ruim, van de onderkant van het dek tot op de buikdenning, 10 voet, alles Amsterdamse maat; (zijnde in den jare 1817 zwaar vertimmerd) met alle deszelfs rondhout, staande en lopende want, ankers, touwen, zeilen en verdere gereedschappen, zo als hetzelve is liggende in de Blaak, Zuidzijde, voor de Huizinge van de Heer J.C. Jouhaneau Laregnere. Nader onderrigting bij bovengemelde makelaars.
Het omschrevene schip kan heden, door een ieder, worden bezigtigd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hun Principalen, geauthoriseerd door de Regtbank van Koophandel, zitting houdende binnen deze Stad, en na gedane aangifte bij de Ontvanger van het Regt van Registratie, ingevolge de Wet, zijn van mening, op heden den 28 juli 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement genaamd Het Badhuis, in de Boomtjes, in het openbaar te veilen en aan de meest daarvoor biedenden, of hoogst mijnenden, te verkopen: een snelzeilend Chaloupschip (opm: sloep of barkas), genaamd CHARLES, laatst gevoerd geweest bij kaptein M.R. Jacobsen, lang over steven 51 en 1 half voeten, wijd, bij de eerste balk voor het groot luik, binnen de huid, 17 voeten, hol in het ruim, op dezelfde plaats op zijn uitwatering, 10 voeten, alles Amsterdamse maat; met al deszelfs rondhout, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheeps-gereedschappen, zo als hetzelve is liggende in het Zalmgat, achter de Scheepstimmerwerf genaamd den Notenboom, en aldaar heden voor een ieder te zien. Nader onderrigting bij gemelde makelaars.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand wordt te koop of ter bevrachting aangeboden: een nieuw gekoperd en met koperen bouten voorzien extra hardzeilend Fregatschip, groot circa 300 lasten, heeft een complete Inventaris, en is te bevragen bij de cargadoors van Olivier & d’Arnaud & Co, te Amsterdam.


30 juli 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juli. Kaptein Marten Quak, voerende het schip de VROUW ALLETTA, meldt van Newa (opm: men bedoelt: Narva, Estland) van den 1 juli, dat hij, op de Buiten-rede van Newa (opm: Narva) door zware storm van zijn ankers gedreven zijnde, tot behoud van schip en volk, de masten had moeten kappen; een gedeelte van het tuig was geborgen, ook was het schip digt gebleven, en voor het overige in goede staat; hij zou zijn geleden schade herstellen en hoopte in 6 à 8 weken de terugreis aantenemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 juli. Den 20 juli was in het Kanaal, Z.W. van de Cingels, in goeden staat zeilende het schip (opm: pink) ELIZABETH, kapitein Cornelis Pakes, van Amsterdam naar Batavia.


31 juli 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Kofscheepje te koop bij Willem Lieuwes, de timmerwerf te Bergumerdam.


01 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 28 juli. Volgens een (opm: Engelse) Groenlandvaarder, die te Greenock aangekomen is, lag het ijs omtrent even zo als in het vorige jaar, en wist men niets van de ontdekkingsschepen, dan dat zij op 80 gr. gezien waren en toen zuidwaarts kwamen, omdat zij niet verder noordwaarts konden zeilen.
Volgens gemelde tijding, die tot den 25 juni loopt, waren door 63 schepen 442 walvissen gevangen, terwijl er nog 1 schip vol thuis vaart.


  RC - Rotterdamsche Courant

’s Gravenhage, den 30 juli. De Staadsraad, Directeur-Generaal van de In- en Uitgaande Regten en der accijnsen brengt, hiermede, ter kennisse van wien zulks aangaat, dat, behalve de Engelse, Deense, Hamburgse, Bremer, Lübecker, Mecklenburger, Oldenburger, Russische, Portugese, Hanoverse, Oostenrijkse, Noorweegse, Pruissische, Noord-Amerikase, Oostvriese, Sijrische (waaronder die van Aleppo en Alexandrette), en Salonicase schepen, welke volgens vroegere successive dispositiën, met opzigt tot het lastgeld, in de Nederlandse havens verschuldigd zijn, gelijk gesteld zijn met de nationale schepen, ook in het generaal alle schepen, die de vlag voeren van en te huis behoren in enige plaats van het Turkse Rijk, tot hetzelfde voorregt zijn geadmitteerd (opm: toegelaten), en mitsdien, in dit opzigt, zullen behandeld worden op de voet welke omtrent de Nederlandse schepen wordt in acht genomen.
’s Gravenhage, den 27 Julij 1818 Appelius


  RC - Rotterdamsche Courant

MINISTERIE VOOR DE MARINE
De Minister voor de Marine brengt ter kennis van alle scheepvarenden en daarbij belanghebbenden, dat de onlangs op de vlakte van de Maas verongelukte Kof vandaar weggespoeld en gezonken is, midden in het vaarwater, tussen de Tweede en Derde zwarte Ton, van buiten of zogenaamde Nero’s.
Dat dit wrak, waarvan met laag water de voorsteven even buiten water komt, is liggende op de navolgende merken:
De Steene Bank, rakende aan de Noordzijde van Zeeburg.
Het Torentje van Rockanje, even bewesten het Bosje, en
De grote Mast der op de vlakte zittende Brik, in het fokke Want, even vrij der fokke Mast.
En dat, ter aanwijzing van dit gevaar, een zwart en wit geruite Ton daarop gelegd is.
’s Gravenhage, den 18 Julij 1818
De Minister voornoemd J.C. van der Hoop


 CCR - Curaçaosche Courant

Curaçao. Wij hebben bericht ontvangen, dat het schip JULIANA, kapt. De Groot, en VROUW TRIJNTJE, kapt. Dekker, hier verwacht worden, de eerste zal St. Thomas aandoen.


04 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 augustus. Het schip de VROUW FENNECHYA, Oostra, van Groningen naar Londen, was door een Deens schip overzeild en gezonken. (opm: de tjalk VROUW FENNECHIEN, bouwjaar 1801, is op 9 juli door een Deens schip overzeild, waarbij kapt. Simon Roelfs Oostra is verdronken; de overige opvarenden, stuurman Hindrik Hindriks Lever en kok Stoffer Hindriks Lever, zijn door de Deen gered en in Hamburg aan land gebracht; de waarde van het schip bij vertrek werd door deskundigen vastgesteld op NLG 4.000)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 augustus. Van Middelburg wordt van den 31 juli gemeld: Kaptein H. Noorda heeft den 29 dezer, des morgens om 10 uren, op een halve mijl N.W. van Bevezier (opm: Beachy Head), gepraaid Zijner Majesteits Transport-schip FLORA, kapt. luit. Dingemans; zijnde dit schip den 24 juli uit Texel naar de Middellandse Zee gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 2 augustus. Den 29 dezer is het schip de HOOP, Van den Oever, van Amsterdam naar Marseille, te Douvres (opm: Dover) binnengelopen; had drie dagen tevoren op Goodwinsands (opm: de Goodwin Sands) gezeten. (opm: zie volgend bericht)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 3 augustus. Den 30 juli zijn alhier binnen gekomen het kofschip de HOPENDE VISSCHER, kapt. M. van den Berg, met teer, pek en potas van Christiania (opm: Oslo), en het tjalkschip de HOOP, kapt. Doeke J. Huges, met ballast van Londen, en is van hier uitgezeild het tjalkschip ANNA ELISABETH, kapt. H. Lindeman, met pannen, steen, enz. naar Altona.
Den 31 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip de HOOP, kapt. Doeke J. Huges, met ballast naar Groningen, en het tjalkschip de VROUW ALIDA, kapt. J.G. Meijer, met hoepels naar Hamburg.
Den 1 augustus is alhier binnen gekomen het kofschip WINDLUST, kapt. G.R. Engelsman, met zout en wijn van Marennes (opm: in Charente-Maritime, Fr.), het tjalkschip LORD WELLINGTON, kapt. H.S. Hofhuis, met ballast van Londen, het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Hermanus Harmens, met ballast van Hull, en het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, met hout van Memel (opm: Klaipeda).


06 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 augustus. Den 30 juli is te Douvres (opm: Dover) binnengelopen het schip de HOOP, kapt. A. van den Oever, van Amsterdam naar Marseille; had op Goodwin Sands gezeten en was daar door lek geworden, doch zou niet behoeven te lossen. (opm: zie vorig bericht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 augustus. Volgens een brief van kapt. Jan Sipkes, voerende het kofschip de DRIE GEBROEDERS, van Cette (opm: Sète) naar Hamburg gedestineerd, in dato 2 augustus, was hij in de nacht tussen den 31 juli en 1 augustus in de Eyerlandsche Gronden vast geraakt; had zwaar gestoten, een zeer lek en ontramponeerd (opm: beschadigd) schip en reddeloos roer bekomen, en was met drie voet zo water als wijn in het schip, door adsistentie van vissersschuiten, achter Eyerland gebragt; zou de lading in ligters lossen en de geledene schade in de haven van Texel herstellen. (opm: het schip werd door zeeschade onvaarbaar verklaard en afgekeurd; de zeebrief werd op 8 september in Den Haag ontvangen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 augustus. Den 19 mei was op 4 gr. 6 min. breedte, 21 gr. 1 min. lengte, in goeden staat zeilende het schip DIANA (opm: fregat, thuishaven Brugge), kapt. A. Carbon, den 19 april van Ostende naar Batavia vertrokken.


07 augustus 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 6 augustus. Den 3 dezer zijn alhier binnen gekomen het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. R.D. Lovius, met ballast van Londen, en het tjalkschip de VIJF GEBROEDERS, kapt. Geert P. Bakker, ledig van Sneek, en zijn van hier uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. J.J. Schuuring, met ballast naar Nerva (opm: Narva, Estland), de smakschepen de VROUW ENGELINA, kapt. E.H. de Groot, de VROUW LUMMEGINA, kapt. Otto Pieters Smit, de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, en de WENSCH VAN GOEDE VRIENDEN, kapt. H.J. Volkerts, allen met ballast naar Noorwegen, en het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. H.W. Overmeer, met schors naar Hull.
Den 4 dito is van hier uitgezeild het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, met ballast naar Noorwegen.
Den 5 dito is van hier uitgezeild het smakschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jan W. Overmeer, met granen naar Londen.


08 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand wordt te koop of ter bevragting aangeboden, een nieuw gekoperd en met koperen bouten voorzien, extra hard zeilend Fregatschip, groot 300 lasten, heeft een complete inventaris, en is te bevragen bij de Cargadoors Van Olivier en d’Arnaud en Comp, te Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. van Ouwerkerk de Vries, F. der Kinderen, A. van der Sluys en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 10 augustus 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair wel bezeild Galjas-Schip, genaamd BETTY, gevoerd door kaptein A. Tinke, lang 88 voet 8 duim, wijd 24 voet 5 duim, hol 13 voet; alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. R. Hoyman, F.J. Wiggerink, J.B. Hachtman, H.W. Ludeker en H.J. Rietveld, makelaars, zullen, op maandag den 10 augustus 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Pinkschip, genaamd de VROUW CORNELIA, kapt. D. Steenveld, lang over steven 100 voet, wijd 26 voet 3 duim, hol 10 voet 5 en 1 half duim, het verdek 6 voet 5 en 1 half duim; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: de zeebrief werd op 29 oktober 1818 geretourneerd met de mededeling schip zal niet meer worden bevaren; mogelijk is de sloop nog enige tijd uitgesteld om de pink b.v. als opslagschip te benutten)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping, ad opus jus habentium (opm: in het belang der rechtverkrijgenden) van gestrande goederen, op maandag den 10 augustus 1818, te Brielle, des v.m. ten elf uren, bestaande in vier blokken mahognijhout (opm: mahoniehout), vier ankers, enige enden kabels, een roeiboot, een boei en boeireep, alsmede nog een partij zeilen, ankers, touwwerk en enig rondhout, geborgen van het verongelukte Koffschip de VROUW TOBINA. (opm: zie RC 300618, toen scheepsnaam gespeld als DE VROUW TOBIA)


  DC - Dordtsche Courant

Middelburg, 5 augustus. Gister namiddag ten half 3 uren, ontstond in het Sloe, voor de Wilhelmina polder, een hevige brand, in een gaffelschip, geladen met vlas, gevoerd door schipper Van Sprang van de Ouden Bosch, waardoor hetzelve, gedreven op het schorre, in weinige ogenblikken geheel een prooi der vlammen is geworden, en tot heden morgen ten 6 uren brandende gebleven. Dank zij de Voorzienigheid, die dit onheil, recht tegenover het magazijn van de buskruitmolen de Gouden Draak voorgevallen, met een juist op de gezegde buskruitmolen gerichte wind, zonder verdere gevolgen, zo wonderbaar gelukkig heeft doen aflopen, zonder dat de brandspuiten uit de naburige steden ter assistentie en blussing zijn toegeschoten.


11 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 9 augustus. In een brief van Groningen, van den 3 augustus, wordt gemeld, dat het schip de TWEE GEBROEDERS, kaptein J.F. Hegeman, van Amsterdam naar Hoekzijl (opm: Hooksiel) en Varel gedestineerd, op de Zoutkamp door een loods zeer lek binnengesleept is; de lading, die waarschijnlijk grotendeels beschadigd zal zijn, moet gelost worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 10 augustus. Den 9, des morgens, zeilde uit de Maas the JOHN AND MARY, J. Smith, en de HENRIETTA, G.H. Noorman, naar Leith. (opm: eerste reis onder Nederlandse vlag van de bark HENRIETTA, als EMMA, Hanover vlag, bouwjaar 1811, in maart 1818 in Londen aangekocht.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een extra welbezeild Pinkschip, groot circa 190 rogge lasten, in de jare 1812 te Drammen in Noorwegen nieuw uitgehaald, gaat beladen 14 voeten diep, voorzien van een complete Inventaris, en in staat om dadelijk naar zee te kunnen gaan, liggende op stroom voor de Stad Dordrecht. Te bevragen bij Sandberg en Co, aldaar.
(opm: mogelijk FÖDELANDEDT, kapt. D.J. Hövland, zie DC 140418)


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 1 augustus. Alhier is binnen gekomen het smakschip de VROUW SABINA, kapt. J.D. Duijntjer.


13 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 augustus. Het kofschip de DRIE GEBROEDERS, kaptein Jan Sipkes, van Cette (opm: Sète) naar Hamburg gedestineerd, hetwelk, na aan de grond gezeten te hebben, achter Eyerland gebragt is, is voor de haven van Texel gekomen. (opm: zie RC 060818)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Harmanus Smit, makelaar, zal, op maandag den 17 januari 1818, ‘s avonds ten zes uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild barkschip, genaamd ROSEN, gevoerd door kapt. A.F. Blackfladius, lang 84 voet 5 en 1 half duim, wijd 26 voet 3 duim, hol 10 voet 9 en 1 half duim, het verdek 6 voet en 2 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris, berigt bij de makelaar en bij Frederik Smit.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, R. Hoyman, T. van Olivier, J. van Ouwerkerk de Vries en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 17 januari 1818, ‘s avonds ten zes uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild gekoperd Fregatschip, genaamd VRIESLAND, gevoerd door kapt. D.P. Bonck, lang over steven 85 voet, wijd 22 voet 8 duim, hol 13 voet 5 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: zie RC 240118)


14 augustus 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Tjalkschip, lang 65 voet, wijd 14 voet, hol 4¼ voet, met zeil en treil, opstaand en lopend want, ankers en touwen, etc. Te bevragen bij Leendert Jz. Buisman te Harlingen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Wijma verkoopt:
- Een timmerwerf etc, gelegen aan de Zoutsloot in Harlingen, bewoond door wijlen H. Barts van der Werf.
- Een timmerwerf met schuren aan het Noorderhoofd te Harlingen, genaamd de ‘Noorderhelling’.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 13 augustus. Den 6 augustus is alhier binnen gekomen het tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, kapt. Onne G. Jacobs, met hout van Oostrisoer.
Den 7 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk C. de Groot, het smakschip de VROUW ANNA, kapt. Albert A. Smit, en het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, alle drie met hout van Noorwegen, het smakschip de JONGE EVERHARDUS, kapt. Antonij Steffens, met zout van Liverpool, het smakschip de VRIENDSCHAP, kapt. Jan H. Sterenburg, met hout van Dantzig (opm: Gdansk), het tjalkschip de JONGE THOMAS, kapt. W.C. Schoon, met hout, pek en teer van Lübeck, het tjalkschip de VROUW GRIETHA, kapt. Evert Ahlen, met potaarde van Witmund, het tjalkschip de EENDRAGT, kapt. Hendrik H. de Boer, en het tjalkschip IDA CORNELIA, kapt. Geert C. Broekema, beide ledig van Sneek, en zijn uitgezeild het smakschip de VIJF GEZUSTERS, kapt. Popke C. de Jong, met schors naar Liverpool.
Den 8 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW JAAPKEMA (opm: kof VROUW JAAPKINA), kapt. Wolter J. de Boer en het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, beide met hout van Noorwegen, en is uitgezeild het kofschip AUGUSTUS, kapt. J.J. Jaski, ledig op avontuur.
Den 9 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip de VIJF GEBROEDERS, kapt. Geert Poppes Bakker, met pannen, vloeren en cement naar Hamburg.
Den 10 dito zijn alhier binnen gekomen het kofschip de JUFVROUW BIBIANA, kapt. J.H. Uiling, met hout van Noorwegen, het smakschip de JONGE DANIEL, kapt. H.J. Oortjes, met hout van Noorwegen, en is uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met schors enz. naar Hull.
Den 11 dito is alhier binnen gekomen het smakschip MARTHA HENDRIKA, kapt. Jan H. de Jong, met hout van Noorwegen.
Den 12 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de NOORDSTAR, kapt. Jan Strootman, met zout van Liverpool.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 12 augustus. Den 6 augustus zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW LUMIGGINA, kapt. Jan B. Goossens, met hout van Holmestrand, en het tjalkschip de FLORENCE CATRINA, kapt. Reind Feijes (opm: FLORENSE CATARINA, kapt. Remt Feijes), met balken van Hamburg.
Den 7 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. J.H. Visser, met hout van Arenthal (opm: Arendal), en is uitgezeild het smakschip de VROUW SABINA, kapt. Jurjen D. Duintjer, met ballast naar Noorwegen.
Den 11 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip NOOITGEDACHT, kapt. Jan Geltes, ledig naar Norden.


15 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

De Minister voor de Marine brengt ter kennis van de belanghebbenden, dat op den 17 augustus 1818, des namiddags ten twaalf uren, door de Directeur en Commandant der Marine, in het hoofd-departement van de Maze, te Rotterdam, in het bijzijn van de Inspecteur der Maritime gebouwen, onder des Ministers nadere approbatie (opm: goedkeuring), bij inschrijving zal worden aanbesteed, het oprigten van een houten spinloods (opm: loods waarin garens werden gesponnen), in de nabijheid van ’s Rijks Lijnbaan te Rotterdam, en voorts het optrekken van een stenen muur, ter afsluiting van de ’s Rijks Werf, op de hoge Zeedijk aldaar. (opm: bekort)


16 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

In lading liggend te Rotterdam naar:
Batavia: het Nederlands gebouwd en nieuw gekoperd Driemastschip CLARA, kaptein Willem Stent, groot ca 300 lasten; ook voor passagiers, tot welk einde hetzelve bijzonder is ingerigt.
Surinamen: het Brikschip VENILLIA, kaptein G. Straatman; zijnde bijzonder goed ingerigt tot het overvoeren van passagiers.
Liverpool: het Koffschip MAGDALENA, kapt. H.R. Lutje, om spoedig te vertrekken.
Adres bij Hudig Blokhuyzen en Van der Eb.
St. Valery-sur-Somme en Havre: het Bomschip ALBERTUS ADRIANUS, kaptein H.J. Beck, om den 18 dezer te vertrekken.
Rouaan: het Smakschip de VROUW ARENDJE, kapt. Ary de Jong.
Adres bij de bestelmeester K. de Vogel, of Ooms en De Groot, Cargadoors.
Surinamen: om spoedig te vertrekken, het hecht, sterk, snelzeilend gekoperd Fregatschip de VROUW AGATHA, kaptein Paulus Rynbende; zijnde dit schip zeer geschikt voor de vaart op de Kolonie en de kajuit wel ingerigt ter overvoering van passagiers.
Genua en Livorno: het Hoekerschip MARIA CATHARINA, kaptein Jan Jansen Doeksen.
Marseille: het schip ANNA KRANENBORGH, kaptein Hendrik Smit.
Bordeaux: het Smakschip CONCORDIA, kaptein Steffen Swart, om den 1 september te vertrekken.
Nantes: het Smakschip de VROUW GESINA, kaptein Fokke Joosten.
Elseneur (opm: Helsingör) en Petersburg: het schip PRUDENTIA, kaptein Gottfried Unruh, om den 25 augustus te vertrekken. (opm: ondanks naam kapitein een Nederlands schip, thuishaven Oostende)
Riga: het Smakschip (opm: kof) de VROUW MARIA, kaptein Zacharias Kempes Schut.
Adres ten kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer.
(opm: uitsluitend Nederlandse schepen opgenomen over een periode van circa tien dagen)


18 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. A.L. Weddik, J. Wesseling, H. Breukelaar Jansz en J.H.A. Balwé, makelaars, zullen, ten overstaan van een daartoe bevoegd Beambte, op maandag den 24 augustus 1818, ’s namiddags ten vier uren precies, te Amsterdam, op de Scheeps-Timmerwerf het Wapen van Harlingen, in de Wittenburgerstraat, verkopen: het Fluitschips-Hol, genaamd de VRIENDSCHAP, alsmede deszelfs aanzienlijke partij Scheeps-Gereedschappen, bestaande in ankers, zeilen, touwen, enz; liggende als nader bij notitie zal worden aangewezen. Te bevragen bij de voorschreve makelaars, bij wie de notitiën te bekomen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Grove Sunderlandse kolen, eerste qualiteit, worden thans gelost uit het schip THOMAS, kaptein Thomas Dickinson, gekomen van Sunderland. Te bevragen bij J. Veder, in het Hang, of aan deszelfs kantoor op de Scheepmakershaven, op de hoek van de Bierstraat, te Rotterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 18 augustus. Alhier zijn den 14 augustus binnen gekomen het kofschip MERCURIUS, kapt. J.B. van den Oever, met smidskool, aardewerk, slijpstenen enz. van Newcastle, en het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, met hout van Noorwegen.
Den 14 dito zijn alhier binnen gekomen het kofschip ZAANVLIET, kapt. Olvert Simons, en het kofschip WILLEM, kapt. H. Kiers, beide met zout van Liverpool, het kofschip WINDLUST, kapt. W.N. Jacobs, het smakschip VRIENDSCHAP, kapt. Jurjen A. de Boer, het tjalkschip de VROUW WICHERDINA, kapt. E.A. Oldeburger, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeeven, alle met hout uit Noorwegen.
Den 16 dito is alhier binnengekomen het tjalkschip de VROUW MARGARETHA, kapt. Albert Stuur, met hout van Noorwegen, en is uitgezeild het tjalkschip de VROUW GRIETJE, kapt. Evert Althen, met pannen, steen, vloeren, enz, naar Carolinenzijl (opm: Carolinensiel).
Den 17 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, met ballast op avontuur, en het smakschip de JONGE EVERHARDUS, kapt. Antonij Steffens, ledig naar Groningen.


20 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 11 augustus. Den 20 juli is te Corunha met aanmerkelijke schade binnengelopen het schip de VROUW HENKE, Michels, van Amsterdam, laatst van Quimper.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 augustus. Den 1 augustus is wegens schade te Brest binnengelopen het schip JUPITER, met linnen, ijzerkramerijen, enz, van Bremen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 augustus. Van Bergen wordt van den 29 juli gemeld, dat aldaar met averij binnengelopen was het schip de PRACHTIGE, kapt. Schroeder, van Bahia naar Hamburg; zou denkelijk moeten lossen.
Nog zou (volgens schippers bericht, te Stettin [opm: Szczeccin] ontvangen) aldaar (opm: Bergen) met averij binnengelopen zijn kaptein Bruin, van Galipolij (opm: Gallipoli) naar Stettin. (opm: zie RC 220818)
MCO 200818
Vlissingen, 18 augustus. Naar Antwerpen is de Schelde opgevaren de DILIGENTIA, kapt J. Stainton, van Londen, met differente goederen. (opm: de brik was op 6 augustus al verkocht uit het faillissement van Jean Baptiste Sinave, kreeg toen de nieuwe naam VOLTIGEUR en ging begin september 1819 met Willem de Ruyter als kapitein weer naar zee)
PGC 210818
Advertentie. Men presenteert, ten overstaan van een daartoe bevoegde beambte, publiek bij strijkgeld te verkopen: een extra ordinair welbezeild Smakschip, genaamd de VROUWE ZUSTER, gevoerd door schipper Folkert H. Klein, thans liggende in de Lemmer, zijnde in den jare 1815 nieuw uitgehaald, lang over de stevens plusminus 74 voet, wijd over zijn berghout 18.7/12 voet, en hol van de kiel 8 voet (Vriesche maat), met al deszelfs rondhouten, opstaand- en lopend want, ankers, touwen, zeilen en andere scheepsbehoeften, alles breder volgens billetten en inventaris omschreven.
Wie hiervan gading maakt, kome op donderdag 10 september 1818 na de middags te 2 uren bij de beschrijving en des avonds te 6 uren bij de finale palmslag, telkens te huize van H. Leheu, in het logement de Wildeman in de Lemmer, iemand intussen nader bericht begerende, kan zich vervoegen bij H. Bootsman te Sneek, bij de boekhouder van genoemd smakschip, J. van der Sluis te Heerenveen en bij de schipper Folkert H. Klein in de Lemmer.


21 augustus 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 21 augustus. Den 17 augustus zijn van hier uitgezeild het tjalkschip IDA CORNELIA, kapt. Geert E. Broekema, met steen etc. naar Hamburg, en het tjalkschip EENDRAGT, kapt. H.H. de Boer, met pannen, steen etc. naar Hamburg.
Den 18 dito zijn van hier uitgezeild het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, met ballast naar Noorwegen, en het tjalkschip de JONGE THEODOR, kapt. W.C. Schoon, ledig naar Amsterdam.
Den 19 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Arend Klasen, het kofschip CATHARINA, kapt. Daniel Tobbens, het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, en het kofschip ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, alle met hout van Noorwegen.
Den 20 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip de JONGE WOPKE BROUWER, kapt. H. Wessels, met hout van Noorwegen.


22 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 augustus. Het binnenlopen te Bergen van het schip van kaptein P.H. Bruin, van Gallipoly (opm: Gallipoli) naar Stettin (opm: Szczecin), wordt in een brief van Bergen van den 28 juli bevestigd, en gebrek aan proviand, alsmede het overlijden van de kaptein, als beweegreden daarvan opgegeven; het bevel over het schip was nu opgedragen aan P.C. Kragh, die de reis zou voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 augustus. Volgens brief van kaptein J. Spilliard, voerende het schip NAJADE, van Antwerpen naar Sandwich gedestineerd, in dato 14 augustus, was zijn schip door weigeren van wenden bij Pierl op strand geraakt; de voorsteven was gebroken en het schip zeer lek, zodat de lading moest gelost worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 augustus. De 19 augustus is te Middelburg gearriveerd het fregatschip de COLONIST, kaptein J. Riewerts, van Demerary (opm: Guyana).
Den 16 juni is te Demerary binnengekomen het brikschip SARA AGATHA, kaptein L.H. Hoffman; schip en equipagie was in goede staat.


  DC - Dordtsche Courant

Op de Schelde, in nabijheid van Zierikzee, is voor enige dagen een door der aldaar af- en aanvarende vletschuitjes, gevoerd door schipper Andries Broekhart, woonachtig te Houtenisse, door een opkomende dwarswind omgeslagen; gemelde schipper, en zijn hem verzellende zoon Jan, een jongeling van 18 jaren, spanden alles in om hun leven te redden, maar verloren weldra de krachten, en zonken, toen een andere vletschipper, Karel Kenie, kwam toeschieten, die alle pogingen in het werk stelde om de beide ongelukkigen te redden, maar wien het alleen mogte gelukken de zoon uit de diepte op te halen, en hem, in het leven teruggebracht, aan zijne moeder, een thans bedroefde weduwe met vijf kinderen, weder te geven.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia. Aangekomen. 15 augustus. Het schip DIANA, kapt. A. Carbon van Ostende den 19de april 1819, met Z.M. troepen.


25 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 23 augustus. Kaptein H. Bredero, van Amsterdam naar Philadelphia, is, den 18 augustus op de hoogte van de vuurtoren ten anker liggende, door een fluitschip aangezeild geworden, waardoor hij zware schade aan de spiegel bekomen heeft, zijn briksboom gebroken en zijn sloep aan spaanders geraakt is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. T. van Olivier, D.W. van Vloten Abrahamsz, T. Zurmuhlen, T. Roland Holst en G.J. van der Laan, makelaars, zullen op maandag 31 augustus 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Pinkschip, genaamd NEERLANDS KROONPRINS, gevoerd door kapt. J.G. Klatt, lang 109 voet 5½ duim, wijd 26 voet 8 duim, hol 12 voet 8 duim, het verdek 9 voet 5½ duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de Inventaris en berigt bij de makelaars. (opm: het schip werd niet verkocht, zie RC 220419)


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Arrivementen: Te Leith 14 augustus G.H. Noorman (opm: HENRIETTA) van Rotterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 24 augustus. Den 21 dezer zijn alhier binnen gekomen het kofschip JUPITER, kapt. Barend Roelofs van Wijk, met hout van Noorwegen, het tjalkschip de VROUW JACOBA, kapt. J.H. van Veen, en het tjalkschip de JONGE GERRIT, kapt. Geert Broekema, beide met ballast van Londen.
Den 22 dito is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Arend Klasen, met ballast naar Nerva (opm: Narva, Estland).
Den 23 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, en het smakschip de VROUW ENGELINA, kapt. E.H. de Groot, beide met hout van Noorwegen, en zijn uitgezeild het tjalkschip de VROUW JACOBA, kapt. J.H. van Veen en het tjalkschip de JONGE GERRIT, kapt. G.J. Broekema, beide ledig naar Groningen, het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, het smakschip MARTHA HENDRIKA, kapt. Jan H. Jonker, en het smakschip de VROUW ANNA, kapt. Albert A. Smith, alle drie met ballast naar Noorwegen.


27 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 augustus. In een brief van Gend, van den 21 augustus, wordt gemeld, dat bij het uitzeilen van Ostende gestoten heeft en verongelukt is het schip FLAVIA, kapt. J.G. Brand (opm: sloep, thuishaven Oostende kapt. Johannes Gothard Brandt), van daar naar Valencia en Carthagena gedestineerd; de lading was gedeeltelijk beschadigd geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 25 augustus. Volgens een brief van Elseneur (opm: Helsingör), van den 18 augustus, was aldaar, met adsistentie van een vissersvaartuig, aangekomen het schip de GOEDE HOOP, kaptein W.J. Boon, van Amsterdam naar Petersburg; zijnde in de nacht tussen den 16 en 17 dito, niet ver van Elseneur, door een brik, zo het scheen een Engelse, overzeild en zwaar geramponeerd (opm: beschadigd) geworden; het schip was digt gebleven, doch moest echter lossen om te repareren, ten welken einde het naar Koppenhagen (opm: Kopenhagen) gezeild was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. Den 25 augustus, des morgens, arriveerde te Helvoetsluis het schip (opm: kof) de JONGE ENGBERDINA, J.H. Mulder, van Middelburg


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 augustus. Volgens berigten van Curaçao, van den 13 juni, worden de koopvaardijschepen, die van daar naar La Guaira en Porto Cabello moeten, regelmatig door Zijner Majesteits fregat EURIDICE, kapt Polders, begeleid.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, een eiken Pinkschip, groot 270 à 300 roggelasten, varende onder Deense vlag, binnen drie jaren in Noorwegen gebouwd. Te bevragen bij de Heren Jacob Vriesendorp & Zonen, te Dordrecht.


28 augustus 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 27 augustus. Den 24 augustus is alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smith, met hout van Noorwegen, het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hijlke W. Overmeer, met ballast van Hull, en zijn van hier uitgezeild het smakschip de JONGE WILLEM, kapt. Claas P. Faber, met pannen naar Riga, het tjalkschip ALIDA, kapt. Geert van Laar, met steen enz. naar Hamburg, het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, met ballast naar Noorwegen, en het smakschip de VRIENDSCHAP, kapt. J.H. Sterenberg, met ballast op avontuur.
Den 25 dito zijn van hier uitgezeild het tjalkschip de ONDERNEMING, kapt. H. de Groot, ledig naar Hamburg, en het smakschip REISBERGEN, kapt. H.L. Doctor, ledig naar Schiermonnikoog.
Den 26 dito is alhier binnen gekomen het kofschip HOOP EN VREES, kapt. J.P. Piebes, met zout van Liverpool, en zijn uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Jan R. van Hottinga, met ballast naar de Oostzee, en het tjalkschip de JONGE JAN, kapt. M. Geurske, met pannen enz. naar Hamburg.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 24 augustus. Den 13 augustus zijn van hier uitgezeild het het smakschip de VROUW GEERTRUIDA, kapt. J.H. Visser, ledig naar Schiermonnikoog, het tjalkschip de VROUW ALIDA, kapt. J.A. Bleeker, en het smakschip de VROUW LUMIGINA, kapt. J.B. Goossens, beide met ballast naar Noorwegen.
Den 15 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip de JONGE RINA, kapt. M.A. Brouwer, van Dockum met cichorei naar Altona.
Den 17 dito zijn alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW HENDRICA (opm: VROUW HENDRIKA), kapt. A.H. Lukkien, met Noors hout van Arenthal (opm: Arendal), en het tjalkschip de JONGE AREND, kapt. G. Joostens, met kromhout van Varel naar Franeker.
Den 20 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip de JONGE AFINA, kapt. R.C. Hazewinkel, met Noors hout van Arenthal.
Den 22 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW ELIZABETH, kapt. A.B. Ekkel, met Noors hout van Arenthal.
Den 23 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip FLORENCE CATHRINA (opm: FLORENSE CATARINA), kapt. R. Feijes, ledig van Schiermonnikoog.


29 augustus 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 25 augustus. Den 21 dezer is op de rede van Margate aangekomen het schip de JONGE ERNESTINE, Delahaije, van Londen naar Amsterdam; hebbende een anker verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Gisteren paradeerde het Corps Mariniers, ter viering der luisterrijke overwinning, door de gecombineerde Britse en Nederlandse vloten, op den 27 augustus 1816 (opm: zie o.a. RC 190916) door dapperheid op de Algerynen voor hun hoofdstad bevogten, bij welke battaille (opm: slag) de verdienstvolle Chef van voornoemd corps, de Heer Kolonel-Kaptein ter Zee Ziervogel, Zijner Majesteits schip de DIANA commandeerde. (opm: bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 augustus. Den 26 dezer is te Middelburg gearriveerd het fregatschip de ATALANTA, kapt. J. Stoffers, van Surinamen.
Volgens brief van kaptein W. Trippensé, voerende het brikschip ELISABETH EN ANNA, in dato 3 juli laatstleden, was dezelve, na een voorspoedige reis van 45 dagen, in goede staat, van Rotterdam te Paramaribo gearriveerd, en zou waarschijnlijk voor primo augustus de retourreize aannemen.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 27 augustus. De Nederlandse zeemacht heeft een te gewichtig en te belangrijk deel gehad in de roemrijke overwinning te Algiers (opm: zie o.a. RC 190916), dan dat de herinnering dier expeditie niet een stoffe tot vreugde en dankbaarheid zoude opleveren bij allen, die prijs stellen op de oude Nederlandse roem. De heer luitenant admiraal ridder Van Kinsbergen, aan commissarissen over de kweekschool tot de zeevaart alhier, zijn verlangen te kennen gegeven hebbende, dat hun kwekelingen aan die overwinning indachtig zouden gemaakt worden, en een somma daartoe ter beschikking van commissarissen hebbende gesteld, zo hebben de kwekelingen dit feest op gisteren met dankbare harten gevierd. Na dat hun door commissarissen het voorbeeld der Nederlandse zeelieden voor ogen was gebracht, zijn zij op een deftige maaltijd onthaald, welke met het instellen van gepaste gezondheden, onder het herhaald gejuich van ‘leve de koning! leve de admiraal Van Kinsbergen! leve de admiraal Van de Capelle!’ besloten werd.


01 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 augustus. Kaptein H. Douwes, voerende het schip de VROUW SARA JOHANNA, van Amsterdam te Havana gearriveerd, meldt van daar, in dato 14 juni, dat hij den 4 dito door een Roofschip was aangevallen geworden, welks equipagie de luiken opengebroken, de beste goederen uit het schip gehaald en naar boord van hun schip gebragt had; hij wist nog niet wat er van de lading gemist werd, doch veronderstelde meest al de genever weg te zullen zijn. (opm: zie RC 050918)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 augustus. Te Surinamen is gearriveerd Zijner Majesteits oorlogs korvet AJAX, Kaptein-Luitenant Bolken, in 19 dagen van St. George d’Elmina.


  DC - Dordtsche Courant

Alle de genen, die iets verschuldigd zijn aan, of ook het een of ander onder zich hebben mochten van Hermen van Limmen, onlangs binnen Dordrecht overleden, worden verzocht daarvan betaling en opgave te doen , uiterlijk binnen een maand, aan Barend van Limmen, in de Lijnbaan, te Dordrecht.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 1 september. Den 27 augustus is alhier binnen gekomen het kofschip MARTHA ELISABETH, kapt. H. Hullen, met tabak van Amsterdam naar Hamburg als bijlegger.
Den 28 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip WINDLUST, kapt. W.N. Jacobs, het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. D. C. de Groot, het kofschip de VROUW GRIETZINA, kapt. Klaas J. de Groot, de smakschepen de JONGE DANIEL, kapt. H.J. Oortjes, en de VRIENDSCHAP, kapt. Klaas J. de Boer, alle met ballast naar Noorwegen, het tjalkschip de VROUW MARGARETHA, kapt. Alb. H. Stuur, met pannen naar de Oostzee, de tjalkschepen de DRIE GEBROEDERS, kapt. O.G. Jacobs, met pannen, en de LANDMAN, kapt. T.B. Schoon, met pannen en steen, beide naar Hamburg.
Den 30 dito is van hier uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. H.W. Overmeer, met gerst naar Hull.


03 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 september. Volgens een brief van Archangel, van den 12 juli, had het vandaar naar Amsterdam gedestineerde, doch in het voorleden jaar (opm: 1817) terug gekomen schip HAABET (opm: zie RC 041217), kaptein P. Koch, deszelfs lading (uitgenomen 15 tschetswerst rogge, die, uit hoofde van zware beschadigdheid, publiek verkogt waren) weder ingenomen en was reeds naar Lapominka vertrokken, om de reis te vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 september. Van Den Briel zeilde naar Londen de VROUW PETINA, L.D. Mulder (opm: tjalk, Klaas D. Mulder)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping bij Regterlijk gezag, van een Bovenlands Sprietschip, genaamd de VROUW MARIA, liggende aan de Werf de Naarstigheid, in het Zalmgat, even buiten deze Stad, lang over steven 68 voeten, wijd, op de buitenkant van de huid, 15 voeten, hol in het ruim, van de buikdenning tot op de bovenkant van de gangboorden, 5 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; met al deszelfs rondhouten, staande en lopend want, ankers, touwen, zeilen en verdere scheepsbehoeften, ingevolge inventaris; gevoerd geweest en in eigendom toebehorende aan schipper J. Leygraaf, wonende te Emmerik, ten verzoeke van de heren A. van Berkel en Zoon, branders, brouwers en mouters, te Delft, ten dezen domicilium kiezende ten huize van de voor hun occuperende Heer Procureur W.S. Burger Junior, op de Nieuwehaven, wijk M, No. 251, te Rotterdam. Requiranten in krachten van een Vonnis gewezen bij de Regtbank van Koophandel, zitting houdende te Rotterdam, in dato 10 februari 1818, geregistreerd den 13 daaraanvolgende, ten Comptoire (opm: kantore) van de Heer Ontvanger Verster, bij welk Vonnis gemelde J. Leygraaf is gecondemneerd (opm: veroordeeld), om aan de Requiranten te betalen een somma van 1158 gulden 45 cents, met de interessen en kosten, en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren.
De Executanten hebben het voorschreve schip en toebehoren ingezet om en voor 200 guldens.
De Eerste Opbieding zal geschieden op woensdag den 9 september 1818.
De Tweede op woensdag den 16 derzelver maand.
De Derde of Laatste op woensdag den 23 september 1818, respectivelijk des middags ten twaalf uren, in het Paleis van Justitie, ten overstaan van den Wel-Edelen Gestrengen Heere mr. A. van Gennep, Regter in de Regtbank van Eerste Aaanleg, zitting houdende te Rotterdam, als daartoe door gemelde Regtbank gecommitteerd.
De Memorie van Lasten is gedeponeerd ter Griffie van meergemelde Regtbank, en copie derzelve ligt ter visie ten Comptoire van genoemde Procureur, bij wie ook nadere informatiën te bekomen zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Die genegen en daartoe bekwaam mogt zijn tot het aanleggen van een Scheeps-timmerwerf, binnen de Stad Tholen, alwaar tegenwoordig een allerschoonste plaats en gelegenheid zich voor op doet, niet twijfelende, of die gene, welke zich aldaar met zodanig een Affaire plaatste, zoude een goed bestaan vinden, daar er circa 40 à 50 hengsten of hoogaarsen (opm: meestal visserschepen) vandaan varen, behalve de poonschuiten. Die daartoe mogt inclineren (opm: van plan zijn) adressere zich bij het Plaatselijk Bestuur aldaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.E. Lublink en H. Smit, makelaars, zullen, op maandag den 7 september 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extraordinair welbezeild Galjootschip, genaamd de VROUW SJUWKE, gevoerd door kapt. G. Simons, lang over steven 100 voet, wijd 25 voet 4 duim, hol 14 voet 7 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris. Zijnde dit schip inmiddels uit de hand te koop; te bevragen bij de makelaars en bij Fredrik Smit.


  DC - Dordtsche Courant

Men heeft berigt ontvangen, dat Zr.Ms. brik de ZWALUW, gecommandeerd door de kapitein luitenant ter zee Bolten, in mei l.l. aan de kust van Guinea, en in het laatst van juni te Suriname aangekomen is; en is tevens daarmede de tijding ingekomen, dat de gouverneur-generaal van de kust Guinea, de luitenant generaal Daendels, aldaar aan de gevolgens een beroerte overleden is.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 1 september. Sedert den 30 augustus is de Schelde opgevaren, richting Antwerpen, ORANJE BOVEN (opm: smak), kapt. K.P. Kramer, van Havre-de-Grace, met thee en suiker.
Van Antwerpen is de Schelde afgekomen en naar zee gezeild LA FANNY (opm: fregat), kapt. A. Besemer, naar New York, met lijm, olij, steen en linnen.


04 september 1818


  LC - Leeuwarder Courant

’s-Gravenhage, 31 augustus. Men verneemt, dat de generaal Daendels, gouverneur van de Nederlandse bezittingen op de kust van Guinea, in de maand mei l.l. aldaar aan een beroerte is overleden.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 3 september. Den 30 augustus zijn alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE SOPHIA, kapt. G.W. Moesker, ledig van Hoorn, het kofschip NEPTHUNUS, kapt. H. Harmens, met ballast in 48 uren van Hull, en is uitgezeild het tjalkschip ANNA MARGARETHA, kapt. Berent Lubbin, met pannen en steen naar Emden.
Den 31 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip LORD WELLINGTON, kapt. H.S. Hofhuis, met pannen naar de Oostzee.
Den 1 september zijn van hier uitgezeild het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. R.D. Lovius, met gerst naar Londen, het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Harms Sleehuis, het kofschip ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Evert W. Stuit, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeeven, alle vier met ballast naar Noorwegen.
Den 2 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip NOORDSTAR, kapt. Jan G. Strootman, met ballast naar de Oostzee, het smakschip de VROUW SAAPKEMA, kapt. Wolter J. de Boer, en het tjalkschip de VROUW WIEGERDINA, kapt. E.A. Oldenburger, beide met pannen naar de Oostzee.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 2 september. Den 25 augustus zijn van hier uitgezeild het tjalkschip de VROUW HENDRIKA, kapt. A.H. Lukkien, met ballast naar Noorwegen, en het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. D.J. de Ruiter, met turf naar Hamburg.
Den 26 dito is van hier uitgezeild het tjalkschip de JONGE AFINA, kapt. R.C. Hazewinkel, met fruit en groenten naar Noorwegen.
Den 27 dito is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. A.B. Ekkel, met ballast naar Noorwegen.
Den 1 september is alhier binnengekomen het kofschip MARIA MAGDALENA, kapt. L.T. Kerstra (opm: Teunis Lourens Kerkstra), klaart in als bijlegger, komt van Hull, bestemd naar de Oostzee met ballast.


05 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 september. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen F. Baas van Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Goes, 29 augustus. Heden overleed op Oost-Beveland, niet verre van deze stad, de beroemde en verdienstelijke zeeloods en mensenvriend Frans Narebout, broeder der orde van de Nederlandse Leeuw, in de ouderdom van bijna zeventig jaren, na een kortstondige ziekte. - Zijn braaf en edelmoedig karakter, zijn stoute en welberekende ondernemingen tot behoud van schepen en redding van schipbreukelingen zullen leven in de harten van de tegenwoordige en volgende geslachten. (opm: in RC 8 september staat een uitgebreide maar niet opgenomen c.v, gedateerd Goes 3 september)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 september. De beroving, welke kaptein H. Douwes (opm: VROUW SARA JOHANNA) ondergaan heeft (zie RC 010918), wordt in zijn brief, gedateerd Havana den 14 juni dus opgegeven: “Den 4 dezer (opm: juni) bevonden wij ons in het gezigt van de Berry-Eilanden (opm: Berry Islands, 25º30’ N.B. 77º45 W.L, behorende tot de Bahama’s), daar wij om heen staken, ten einde over de bank van Groot-Bahama te zeilen, alwaar ons des middags een rover ontmoette, die ons met zijn geschut noodzaakte om bij te draaijen, met een gewapende sloep aan boord kwam, en naar het manifest (opm: ladingdocument met specificatie van cognossementen) vroeg; dit ingezien hebbende, gingen zij op het dek, stellende twee gewapende manschappen voor de kajuit, zo dat men er niet uit mogt; toen bragten zij mijn stuurman en vijf van mijn volk naar hun vaartuig en zeilden met ons schip weder om de noord, tot den 5 dito met de dag, zijnde toen onder het eiland groot-Bahama (opm: Grand Bahama), alwaar zij onze barkas uitzetten, de luiken open braken, de beste goederen uit het ruim haalden en die met de barkas naar de kaper voerden, en bragten toen de stuurman en de vijf matrozen bij mij aan boord terug, en dwongen hun de goederen te helpen overladen; kwamen vervolgens in de kajuit en roofden de provisie en het geen hun verder aan stond; eindelijk ons schip verlatende, bragten zij vier Spanjaarden bij mij aan boord, die ik hier aangebragt heb; dezelven behoorden tot een schip, het geen zij enige dagen tevoren insgelijks beroofd en de kaptein vermoord hadden; wat van de lading gestolen is, kan ik nog niet opgeven, voor ik aan het lossen ben, dewijl de rovers tot beneden in het ruim geweest zijn.”


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. De Weeskamer te Batavia, maakt elk en een iegelijk bekend, dat eerstdaags door haar staat verkocht worden, de aan de boedel van wijlen C.G. Greving, overleden 7 augustus 1818, toebehorende brik genaamd de JONGE CATHARINA, liggende in de rivier buiten de Boom, over de Ploeger Kagie, lang 56 voeten, breed 14 voeten en diep 8 voeten en 4 duimen, met dies inventaris waarvan afschriften, zo op het Vendu-kantoor, als op deze kamer ter visie zullen liggen.
Batavia, den 22 augustus 1818.
Op last van de Weeskamer, de secretaris J.C. Cox.


08 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 4 september. Den 21 april is te Batavia aangekomen het schip ROTTERDAM (opm: fregat), T.S. Waters, en den 28 dito het schip de TWEE VRIENDEN, P.J. Pieters, beiden van Rotterdam, en den 1 april het schip AMERICA, Harris, van Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 september. Kaptein F. Baas, van Batavia in Texel binnengekomen, heeft, bij het inzeilen van Baai Fals, aan de Kaap de Goede Hoop, in goede staat gepraaid het schip SAMARANG, J. Scholtijs, met Zijner Majesteits troepen, naar Batavia gedestineerd.


  DC - Dordtsche Courant

Hellevoetsluis, 4 september. Gister namiddag arriveerden uit zee: kapitein Bridge, met de brieven van den 2 dezer, van Harwich, en G. de Jong, JONGE CORNELIS, van Rouaan. Heden zeilden in zee: Zr.Ms. brik van oorlog DE COURIER, kapitein Van der Loef, en P. Carlell, VICTORIA, naar Petersburg. De wind W.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 5 september. Den 28 augustus is te Deal binnen gelopen het schip HARRIET, kapt. Ghersi, van St. Domingo naar Antwerpen, heeft den 29 dito de reis vervolgd.


10 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Batavia, den 17 april. Zijne Excellentie de Schout-bij-Nacht, Commissaris-Generaal Buyskes, is met het fregat de WILHELMINA, den 5 dezer, in de Straat Balij aangekomen, en zoude de volgende dag te Banjoewangie (opm: Banyuwangi) aan wal komen, ten einde de reis naar Sourabaija over land te vervorderen.
De depêches van Zijne Excellentie melden, dat de voorgenomen expeditie tegen het hoofd der muitelingen van de kust van Hiloe, Oeloe Paha, die zich met een aanzienlijke aanhang te Ceram ophield, volmaakt wel uitgevallen is. Deze booswigt, levendig gevangen genomen zijnde, heeft bereids de straf van zijn misdaad ondergaan. Alle de door verleide ingezetenen waren in onderwerping gekomen en, na van Zijne Excellentie vergiffenis bekomen te hebben, naar hun negerijen terug gekeerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Batavia, 25 april. Amboina (opm: Ambon), den 16 januari.
De Schout-bij-Nacht, Commissaris-Generaal, in aanmerking nemende, dat de Majoor A.J. Meyer aan de gevolgen zijner bekomen wonden, in het gevecht tegen de muitelingen op Saparoea (opm: zie RC 270618), alhier, op heden, is overleden, en overwegende, dat die officier, als commandant van de expeditie tegen de muitelingen, alle mogelijke moed en beleid heeft betoond, en men de overwinning grotendeels aan zijn welgenomen maatregelen, bedaarde dapperheid en zelfopoffering kan toeschrijven;
Heeft goedgevonden te bepalen:
1. Dat de begrafenis zal geschieden met de militaire honneurs, voor een Luitenant-Kolonel (opm: een rang hoger dan majoor) bepaald.
2. Dat van Zijner Majesteits fregat MARIA REIGERSBERGEN zullen gedaan worden 9 minuutschoten, gedurende de tijd dat het lijk naar het graf zal worden gedragen.
3. Dat het lijk zal worden begraven in de Gouvernementstuin Batoegadia, en op het graf een gedenkteken zal worden opgerigt, waarop, in steen, het volgende zal gegraveerd worden:
Ter nagedachtenis van den Majoor A.J. Meijer, gecommandeerd hebbende de expeditie tegen de muitelingen op Saparoea, zwaar gewond den 12 November 1817, en aan de gevolgen daarvan, alhier, den 16 Januarij 1818, in den ouderdom van 28 jaar, overleden.
Op last van het Gouvernement is dit gedenkteeken opgerigt.
En eindelijk
4. Dat de begrafenis-onkosten, benevens die van het oprigten van het gedenkteken, uit ’s Gouvernementskas zullen worden goedgedaan, en tot welke uitbetaling de Heer Resident van Amboina bij dezen wordt geauthoriseerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Batavia, 28 april. Na de aankomst van de Generaal De Kock op Ambon, en deszelfs installatie als Gouverneur der Molukse eilanden, is de Commissaris-Generaal en Schout-bij-Nacht Buyskens, aan boord van ’s Konings fregat WILHELMINA, naar Java vertrokken. Zijne Excellentie bevindt zich, sedert enige dagen, in deze hoofdstad terug, en wij hebben, bij deze gelegenheid, de verzekering bekomen, dat, na de gelukkige afloop der expeditie tegen het eiland Ceram, alle sporen van onrust in de Molukkos (opm: de Molukken) volkomen verdwenen zijn.
De EVERTSEN en de MARIA REIGERSBERGEN zijn reeds uit die wateren, alwaar de marine zo gewigtige diensten bewezen heeft, te Sourabaya aangekomen, en zullen eerlang van de NASSAU, de PRINS FREDERIK en de TROMP gevolgd worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. Ter rede van Koppenhagen (opm: Kopenhagen) is wegens schade aan het roer ten anker gekomen het schip de VROUW ALETTA, kaptein Marten Quak, van Nerva naar Amsterdam; zoude denkelijk niet behoeven te lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. Kapt. Jan Altes (opm: Jan Abes), voerende het schip WILLEM DEN EERSTEN, van Amsterdam naar Batavia gedestineerd, meldt van Rio-Janeiro, in dato 5 juli, dat hij aldaar binnengelopen was en zijn reis spoedig zoude voortzetten; zijnde het schip, benevens de equipagie, passagiers en troepen, in de best mogelijke welstand.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. Volgens brieven van Batavia, van den 21 maart, zou ten spoedigste van daar naar Amsterdam vertrekken het schip WASHINGTON, kaptein William Pearson; moetende hetzelve slechts nog een gedeelte der lading innemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. Met brieven van Batavia, van den 6 april, heeft men tijding, dat aldaar destijds lagen de Hollandse schepen van de kapteins K. Sipkes, A. Smit en J. Duyf van Amsterdam, P.J. Pietersen, H. Wehmhoff en T.S. Waters van Rotterdam, M.D. Ihnken en P. Douwes van Dordrecht.
Het Amsterdamse schip van kaptein R. Witsen en het Rotterdamse van H. Nannings waren van Batavia vertrokken, het eerste naar Maccassar, en het laatste naar de Molukse eilanden.
En in een brief van den 27 april wordt gemeld, dat kaptein A. Smit den 15 mei de terugreis naar Amsterdam zoude aannemen. De kapiteins K. Sipkes, P.J. Pieters, H. Wehmhoff en M.D. Ihnken, hier boven gemeld, hadden nog geen bestemming, doch hadden de twee laatsten op de Japanse reis ingeschreven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 september. Te Samarang was gearriveerd T. Sipkes (opm: fregat CORNELIA, kapt. Feijke Sipkes), van Batavia, derzelve was bezig met lossen en zou de reis naar Cheribon (opm: Cirebon) vervolgen; te Batavia H. Wehmhoff, van Rotterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam 9 september. Het koffschip, dat op den 25 juni laatstleden binnen de Maas droog en gezonken was, is geligt en tegen het vaste strand bij het sloddervuur gebragt. (opm: VROUW TOBIA of VROUW TOBINA, zie RC 300618, 100818 en 120818)


  RC - Rotterdamsche Courant

Behalve de vorenstaande berigten van Batavia, heeft men nog nadere brieven, van den beginne der maand mei, uit welke men verneemt, dat de Schout-bij-Nacht Buyskes, met de thans in Oost-Indië zich bevindende Koninklijke schepen de ADMIRAAL EVERTSEN, de PRINS FREDRIK, alsmede het fregat MARIA REIGERSBERGEN, nog in de loop van dit jaar, de reis herwaarts (opm: naar het vaderland) zoude aannemen.


11 september 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Verkoop door Mr. F. Dull, notaris van Appingedam, van o.a. 1/64 part in het smakschip EENDRAGT, gevoerd door schipper Meindert G. Smit, lang over de stevens 78 voet, wijd over de berghouten 17½ voet, en hol 8 voet en 6 duim (Groninger maat).
Ook wordt verkocht een sterk en welbevaren Smakschip, groot plusminus 75 roggelasten, met al deszelfs opgoed, zoals het binnenkort uit zee is aangekomen, thans liggende in de haven van Termunterzijl.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 8 september. Den 3 dezer is alhier binnen gekomen het kofschip CONCORDIA, kapt. Jan Clasen Nap, met zout van Liverpool, en zijn van hier uitgezeild het kofschip ZAANVLIET, kapt. Olvert Siemons, ledig van Amsterdam, en de smakschepen de VROUW LUMMINA, kapt. H. de Groot, en de JONGE SOPHIA, kapt. Jan W. Moesker, alle drie met ballast naar de Oostzee.
Den 4 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de JONGE CORNELIS, kapt. Jelle H. van der Laan, ledig van Amsterdam, en zijn uitgezeild de kofschepen CATHARINA, kapt. Daniel Tobbens, en JUPITER, kapt. Barend R. van Wijk, beide met ballast naar Noorwegen.
Den 5 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip WINDLUST, kapt. Geert R. Engelsman, met ballast naar Noorwegen, en het smakschip de VROUW MARIA, kapt. Diederick Munzen, met pannen, steen, cement etc. naar Hamburg.
Den 7 dito zijn van hier uitgezeild het kofschip BIBIANA, kapt. Israel Uiling, het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, en het brikschip KAREL EN BERTHA, kapt. Oli M. Kiele, alle drie met ballast naar Noorwegen.


12 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen 8 september. Van de Kaap de Goede Hoop wordt, in dato den 25 juni, gemeld: den 4 deze is de Hollandse brik CONCORD, van Java naar Holland, lek in de Algoabaai binnengelopen; hebbende gebrek aan water en provisie, en zijnde vier en een halve maand op zee, en een (opm: maand) van dezelve bij Kaap Agulhas geweest; de lading was gelost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare verkoping, ten overstaan van de Notaris Hardenberg, te Gouda, op donderdag den 24 september 1818, des voormiddags ten elf uren, in het Schippershuis aldaar, van een Gaffelschip, genaamd de GOEDE INTENTIE, zijnde in 1809 geheel nieuw gebouwd, lang over steven 70 voet, wijd op zijn uitwatering 17 voet, in het hol over de gangboorden op de buitenhelling (opm: buikdenning; de notaris was kennelijk geen expert) 9 voet, alles Amsterdamse maat, met deszelfs zeil, trijl (opm: treil), staande en lopend want, mitsgaders verder toebehoren; breder bij inventaris beschreven; liggende het gezegde vaartuig in de Haven, binnen Gouda voorschreve. Nader onderrigting ten kantore van de Notaris Hardenberg voormeld, bij wie de Conditiën van Verkoop, alsmede de inventaris, acht dagen voor de dag der veiling, (zondag uitgezonderd) des voormiddags van negen tot twaalf uren, ter lezing zullen liggen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 september. Van Den Briel wordt van den 11 dezer gemeld: het wrak, hetwelk op den 8 september gemeld is, als geligt te zijn geweest, is heden nacht door de hoge zee op strand geraakt; de wind W.Z.W. (opm: zie RC 100818)


15 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 september. Van het schip OTTINA SOPHIA, kaptein Harm Roelofs Eek, hetwelk den 12 december te Dramme (opm: Drammen) zeilklaar lag naar Amsterdam, heeft men sedert niets vernomen, waarom men hetzelve voor verongelukt houdt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 13 september zeilde van de Maas naar Londen de JONGE ENGBERDINA, J.H. Mulder.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbende van hun Principalen, geauthoriseerd door de Regtbank van Koophandel, zitting houdende binnen deze Stad, zijn van mening, op dinsdag den 29 september 1818, des namiddags ten 4 uren, in het Logement Het Badhuis, onder de Boompjes, publiek te verkopen: het Hol van het Kofschip, genaamd de VROUW ALIDA, lang over steven 90 voeten, wijd 22 voet, holen, van de onderkant der kiel tot aan de uitwatering, 11 voeten, alles Vriessche maat; gevoerd geweest door kaptein E.C. de Haas (opm: Egbert Caspers de Haas), benevens alle deszelfs scheepsgereedschappen, bestaande in masten en verder rondhout, staande en lopend wat, ankers, touwen, zeilen en verdere goederen, waaronder een uitmuntende, voor drie jaren nieuw ingezette Russische grene mast (opm: mast van Russisch grenenhout), lang 76 voeten, dik circa 25 duimen; alles bij kavelingen zo als het voorschreve hol zal zijn liggende in de Scheepmakershaven, aan de Punt, en de goederen gedeeltelijk aan boord en gedeeltelijk op de kaai, voor het hol, kunnende aldaar alles daags vóór en op de dag van de veiling door een ieder worden bezigtigd. (opm: zie RC 170918)


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 8 september. Volgens brieven van Batavia, van de maand mei, zou de schout bij nacht Buijskes, met de thans in de Oost-Indiën bevindende koninklijke schepen, de ADMIRAAL EVERTSEN, de PRINS FREDERIK, als mede het fregat MARIA REIGERSBERGEN, nog in de loop van dit jaar de reis herwaarts aannemen.
Zo men verneemt, zal het thans in de Middellandse Zee gestationeerde Nederlands eskader, bestaande uit het schip WILLEM I, het fregat de AMSTEL, de korvet LYNCX en de brik de KOZAK, te Port Mahon op het eiland Minorca overwinteren, terwijl het fregat FREDERIKA SOPHIA WILHELMINA op deszelfs terugtocht herwaarts is.


  LC - Leeuwarder Courant

Amsterdam, 10 september. Naar men verneemt zal de Nederlandse vloot in de Middellandse Zee, bestaande uit het oorlogsschip WILLEM I, het fregat AMSTEL, de korvet de LYNX en de brik de KOZAK, te Port Mahon overwinteren. Het fregat FREDERICA wordt in het vaderland terug verwacht.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 13 september. Men ontving brieven van de beginne der maand mei van Batavia, uit welke men verneemt, dat de schout-bij-nacht Buyskes met de thans in Oost Indië zich bevindende koninklijke schepen de ADMIRAAL EVERTSEN, de PRINS FREDERIK, alsmede het fregat MARIA REIGERSBERGEN, nog in de loop van dit jaar de reis herwaarts zouden aannemen (opm: naar Nederland).


17 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

De veiling van het Hol van het kofschip de VROUW ALIDA, en gereedschappen, aangekondigd tegen den 29 september 1818, in het Badhuis, te Rotterdam, zal geen voortgang hebben. (opm: zie RC 150918; op 17 september 1818 werd de zeebrief in Den Haag afgeleverd met als reden wordt gesloop;t waarschijnlijk was het casco in een dermate slechte staat dat een veiling geen zin meer had)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 september. Gisteren namiddag, ten 2 uren, is alhier zeer voorspoedig te water gelopen Zijne Majesteits korvet DE GALATH.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 september. De schepen CONSTANTIA, kapt. M. Spreeuw, en DE HARMONIE, kapt. H.J. de Bloom, den 12 september in Texel binnengekomen van Surinamen, zijn beide den 31 juli van daar vertrokken, tegelijk met de schepen SPECULATION, kapt. Thomas Pietersz; de VRYHEID, kapt. Rinse Sjeerd Rinses; JOHANNA PHILIPPINA, kapt. Willem de Boer; AURORA, kapt. Albert Ahlers; IGNATIA EN JENNY, kapt. Jan Nobel; en CATHARINA ANNA HELENA, kapt. Freerk Machielsen; naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 september. Volgens een brief van Emden, was met adsistentie van pompers, aldaar binnengebragt het schip MARIA VAN OLST, kaptein J.P. Kelder, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam; hetzelve was door zware stortzeeën op zijde geworpen geworden, en na het snijden en kappen der zeilen weder gerezen, doch zo lek bevonden, dat men het niet dan door aanhoudend pompen boven konde houden; de lading tarwe, waarvan de kaptein meende vrij wat gepompt te zullen zijn, was gedeeltelijk beschadigd en werd reeds gelost.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 september. Volgens een brief van de Kaap de Goede Hoop, van den 5 juli, zou het schip SAMARANG, kaptein J. Scholtijs, binnen enige dagen uit de Baai Fals de reis naar Batavia vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 16 september. Den 14, des namiddags, arriveerde van Liverpool te Helvoetsluis Z.M. fregat van oorlog FREDRIKA SOPHIA WILHELMINA, kaptein Van Straten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, J. Tentye, J. van Ouwerkerk de Vries, J.E. Lublink en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 21 september 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Kofschip, genaamd MARS, gevoerd door kapt. J.B. Frerichs, lang over steven 95 voet, wijd 22 voet 10 duim, hol 10 voet 7 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Jan Corver, makelaar, zal, op maandag den 21 september 1818, des avonds te 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een aanzienlijke partij Scheepsgereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, enz; liggende als nader bij notitie wordt aangewezen, en berigt bij de makelaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Te huur, op zeer aannemelijke voorwaarden, twee naast elkander gelegen Lijnbanen en Touwslagerij, met de nodige gereedschappen, alles in goede orde, pakhuizen, stoof en teerketel. Te bevragen aan dezelve Touwslagerij te Maassluis, Wijk 1, No. 45. Brieven franco.


18 september 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 18 september. Den 11 dezer is alhier binnen gekomen het kofschip de JONGE YPEUS, kapt. Harm H. de Weerd, met hennep en koper van St. Petersburg, en is uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. H. Harmens, met granen naar Hull.
Den 13 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, met hout van Noorwegen.
Den 14 dito zijn van hier uitgezeild de kofschepen HOOP EN VREES, kapt. Y.P. Piebes, de JONGE TRIENTJE, kapt. A.B. Visser, en WILLEM, kapt. Heere Kiers, alle drie met ballast op avontuur, en het smakschip de JONGE WOPKE BROUWER, kapt. Hendrik Wessels, met ballast naar Noorwegen.
Den 17 dito is van hier uitgezeild het kofschip MINERVA, kapt. Jelle H. van der Laan, met pannen naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad).


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Deurwaarder Nijsloot zal op 1 oktober, om 2 uur, in de Posthoorn, verkopen: de geregte helft van een veerschip, varende van Franeker op Sneek, gearresteerd ten verzoeke van Sipke Jans Faber, en ten laste van wijlen Albert Vlietstra, in leven schipper te Franeker.


19 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 september. Kaptein Laurens Handbeil, voerende het schip (opm: fregat) CORNELIA, den 14 september in Texel binnengekomen van Demerary, is den 19 juli van daar gezeild, en zou veertien dagen later gevolgd worden door het schip (opm: pink) de GRAAF BULOW, kaptein Hendrik Jansen, mede naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 september. Kaptein Jelle Hilbrands, voerende het schip de DRIE GEBROEDERS, meldt van Curaçao, in dato 9 juli, dat hij tussen den 20 en 25 dito de reis naar Amsterdam zoude aannemen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 september. Het schip de VREDE, van Surinamen naar Amsterdam gedestineerd, wordt, alzo de kaptein H. Borman den 13 augustus overleden is, thans door de stuurman gevoerd, die, op de Hollandse wal bezet geraakt zijnde, een loods heeft moeten aannemen, die hem den 12 september te Helvoetsluis heeft binnengebragt, alwaar het schip beoosten de haven tegen de noordwal aan de grond geraakt, doch met hoog water weder afgekomen en vervolgens naar boven gezeild is.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 september. Te St. Thomas is gearriveerd van Amsterdam G.J. de Groot; dezelve zou ten spoedigste de reis naar St. Martin, St. Eustatius en Curaçao vervolgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 september. Van Goedereede wordt, van den 15 en 16 dezer, gemeld, dat, op de avond van den 15, op de zuidwesthoek van de Springer (opm: plaat in de Grevelingen), twee à drie uren van daar, gestrand is het Engels sloepschip DILIGENCE, kapt William Atkinson, beladen met boter en gedestineerd van Harlingen naar Londen; de equipagie, waaronder ook de vrouw van de kaptein, was gered, en men hoopte de lading te lossen. (opm: in LC 250918 en RC 071018 noemt men het schip DILIGENT)


21 september 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop een half nieuw op stapel staand schip op de werf van Jan Willems Brouwer te Hindeloopen.


22 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Door de Notaris Lambertus Kolff, residerende te Middelharnis, zal op zaterdag den 26 september 1818, publiek en om contant geld worden verkogt een Damschuit, met deszelfs ankers, kabels, zeilen, touwen, enz, ladende 330 tonnen (opm: vaten) aardappelen; tussen de schotten lang 25 en 1 half voet en breed 10 en 5 zesde voeten; liggende in de kaai van Middelharnis en gevoerd wordende door schipper Jacob Vaalburg, te Dirksland.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 september. In Texel is binnen gekomen C. Beck, van Liverpool naar Stettin (opm: Szczecin); is met adsistentie van een loodsschuit, wegens lekkagie, in het Nieuwe Diep binnen gebracht, alwaar hij moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping, ten overstaan van de Notaris Hardenberg, te Gouda, op donderdag den 24 september v.m. ten elf uren, in het Schippershuis aldaar, van een Gaffelschip, genaamd de GOEDE INTENTIE, zijnde in 1809 geheel nieuw gebouwd, lang over steven 70 voet, wijd op zijn uitwatering 17 voet, in het hol over de gangboorden op de buitenhelling (opm: de vermoedelijk in schepen onervaren notaris bedoelde de holte onder dek tot de buikdenning) 9 voet, alles Amsterdamse maat, met deszelfs zeil, trijl (opm: treil), staande en lopend want, mitsgaders verder toebehoren; breder bij inventaris beschreven; liggende het gezegde vaartuig in de Haven, binnen Gouda voorschreve.
Nader onderrigting ten Kantore van de Notaris Hardenberg voormeld, bij wie de Conditiën van Verkoop, alsmede de inventaris, acht dagen voor de dag der veiling (zondag uitgezonderd) des v.m. van negen tot twaalf uren, ter lezing liggen.


24 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 september. Volgens een brief van Emden, van den 15 september, was aldaar, met behulp van loodsen, voor NLG 800 binnen gebracht het schip de VROUW REGINA, kaptein P. Frugtning, van Kiel naar Amsterdam; van de gesteldheid der lading kon men nog niets melden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 september. In een brief van Stettin (opm: Szczecin), van den 8 september, wordt gemeld, dat bij Helsingborg gestrand is het schip CATHARINA, kaptein J.M. Fäcks, van Marseille naar Stettin, na alvorens wegens schade te Cowes (opm: island Wight) te zijn binnen geweest, alwaar de kaptein een bodemarij-brief (opm: zie RC 160418) van 2000 Pond Sterling (opm: in die tijd NLG 25000) gepasseerd heeft; men had reeds een gedeelte der lading geborgen en hoopte het overige mede te behouden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. van Oosterwijk, J. van Ouwerkerk de Vries, F. der Kinderen, A. van der Sluys, J.H.A. Balwé en J. Boelen, makelaars, zullen, op maandag den 28 september 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: het Pinkschips-Hol, genaamd CHARLOTTE, alsmede een partij scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, enz, liggende als nader bij notitie zal worden aangewezen; nader berigt bij de makelaars. (opm: RC 260918 meldt uitstel verkoping tot maandag 5 oktober)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H.A. Balwé en J. J.C. Muisken, makelaars, zullen, op maandag den 5 oktober 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, op de Haarlemmerdijk, verkopen: een extra ordinair welbezeild Pinkschip, genaamd TRONDHIEM, gevoerd door kapt. J.F. Lorentzen, lang over steven 107 voet, wijd 30 voet 7 duim, hol 15 voet, het dek hoog 7 voet, alles Amsterdamse maat, breder bij inventaris; berigt bij de makelaars en bij J.W. Boekhout. (opm: in RC 011218 stond een zelfde advertentie, maar nu met datum van veiling maandag 7 december 1818)


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading naar Bordeaux, om ten spoedigste te vertrekken: het snelzeilend galjasscheepje ZELDENRUST, kapitein Abraham Brons – Adres bij de Heren Vogelsang & Co, aldaar.


  DC - Dordtsche Courant

Het Nederlandse kofschip die GUTE HOFFNUNG, kapt. D.F. Moldenhauer (opm: galjoot de GOEDE HOOP, thuishaven Oostende, kapt. Daniel Frédéric Moldenhauer), van Antwerpen naar London gedestineerd, met tarwe en erwten. Dit schip zit op de bank en is bezig met zijn lek te zoeken.


 OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Amsterdam, 22 september. Het schip JULIANA, kapt. G.J. de Groot, van Amsterdam te St. Thomas gearriveerd, lag den 28 juli aldaar gereed om deszelfs reis naar Curaçao voort te zetten, hetzelve was te St. Martin en te St. Eustatius reeds geweest, toen het te St. Thomas arriveerde.


25 september 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. J.J. Wiersma, notaris te Sneek, zal op dinsdag den 20 oktober 1818, des nademiddags ten 3 uren bij de beschrijving, en des avonds ten 6 uren bij de finale palmslag, ten huize van Engbert Dalsma, in de Witte Arend aldaar, publiek bij strijk- en verhooggeld aan de meestbiedenden worden verkocht zeker sterk betimmerd en wel bezeild Hekschuiteschip, lang over steven 60 voet, wijd en hol naar advenant, met zeil en treil, anker en touwen, haken, bomen en andere scheepstoebehoren, laatst bevaren door Jan Abeles Boekweit, breder bij billetten omschreven en verder zodanig als het thans in de Gracht ten gemelden stede ter bezichtiging van een ieder is liggende, zijnde de conditiën intussen te vernemen bij bovengenoemde notaris.


  LC - Leeuwarder Courant

Leeuwarden, 23 september. Van Goedereede wordt van den 20 dezer gemeld, dat op de avond van den 15 op de zuidwesthoek van de Springer, twee à drie uren van daar, gestrand is het Engelse sloepschip DILIGENT, kapt. William Atkinson, beladen met boter en gedestineerd van Harlingen naar Londen. De equipage, als ook de vrouw van de kapitein, was gered en men hoopte de lading te lossen. De volgende dag had men op ¼ de ganse lading gered, doch het schip zou niet af te brengen zijn. (opm: zie ook RC 190819)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 22 september. Den 17 dezer is alhier binnen gekomen het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. T.J. van der Veer, met hout van Memel (opm: Klaipeda).
Den 18 dito is van hier uitgezeild het kofschip de HOPENDE VISSER, kapt. M. van den Berg, met schors naar Liverpool.
Den 19 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de VROUW ELISABETH, kapt. Frans Berends Nipperus, met zout van Liverpool.
Den 20 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Hielke W. Overmeer, met ballast van Hull.


26 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 september. Den 20 september is door Terschellinger loodsen, vier mijlen benoorden Terschelling, in goede staat gepraaid het schip DIE LIEBE, kapt. A.H. de Boer, van Libau (opm: Liepaja) naar Schiedam.


29 september 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 september. Het schip de DRIE GEBROEDERS, Pophij, van Antwerpen naar Maldon (opm: Essex, aan de Blackwater rivier), is den 23 dezer met gescheurde grote mast te Sheerness binnen gelopen.


01 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Den 18 september is op de hoogte van Texel gezonken een Deense brik van circa 250 tonnen ballast, van Dublin naar Amsterdam; de equipagie is door een Ostender visschuit gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Te Grietzijl (opm: Greetsiel) is met averij binnengelopen het schip ANTJE VAN VEEN, kapt. J.C. Fein, van Neufeld (opm: onbekend welke Neufeld: a/d Jade of a/d Elbe) naar Amsterdam, hebbende anker en touw, zeilen en boot verloren; moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Van Tonningen (opm: Tönning) wordt van den 24 september gemeld, dat aldaar terug gekomen was het schip de GOEDE VERWACHTING, kapt. A. Vlastra, met raapzaad, naar Amsterdam gedestineerd; hebbende voor de Eider de mast over boord gezeild, doch welke schade binnen weinige dagen gerepareerd zoude zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Te Christiansö (opm: eilanden groep), bij Bornholm, is lek en beschadigd binnengelopen het schip de VROUW JACOBA, kaptein E. Joostens, met rogge, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam; moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Kapt. N. Rynbende, voerende het schip HET GOED VERTROUWEN, van Antwerpen naar Sandwich gedestineerd, meldt van Ramsgate, van den 24 september, dat hij den 20 dito van Vlissingen gezeild zijnde, zijn schip, door zwaar werken lek geworden zijnde, door een loodsboot te Ramsgate binnen gesleept was; aldaar liggende, was zijn grote stag gebroken, het geen hem genoodzaakt had de mast met al deszelfs toebehoren weg te kappen, bij welke gelegenheid een zwaard gebroken en ook de boot aan stukken geraakt was; hij had reeds een begin gemaakt met lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Kaptein H. Jansen, voerende het schip (opm: pink) de GRAAF BULOW, meldt van Cowes, van den 28 september, dat hij den 30 juli van Demerary naar Amsterdam vertrokken zijnde, goed weer gehouden had tot den 20 september, toen hij op de gronden zijnde, met dik en mistig weêr en variabele winden, het Kanaal inzeilde; de wind zich tot een storm verheffende, moest hij met zwaar zeilen het van de kust houden, en besloot te Cowes binnentelopen; kreeg eerst onder Cowes de loods aan boord, alwaar hij vervolgens in goede staat binnen kwam, en slechts op gunstige gelegenheid wachtte om de reis voorttezetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Uitgezeild van Texel Zijner Majesteits Brik van Oorlog DE COURIER, kaptein Van der Loeff, naar Hellevoetsluis.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. In brieven van Kaap de Goede Hoop, van 11, 18 en 22 juli wordt gemeld, dat het wegens schade in de Algoabaai binnengelopen schip la CONCORDE, kapt. J.D. Christen (opm: brik, Gent, kapt. Johan David Christen), van Sourabaya naar Amsterdam gedestineerd, afgekeurd was (opm: zie ook RC 221018).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 september. Den 1 september is te Gibraltar binnengelopen het schip de JONGE ELISABETH, kaptein Jacob Kreeft, van Rotterdam naar Smirna (opm: Smyrna, thans Izmir).


02 oktober 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De secretaris A.L. Potma te Workum zal, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, op vrijdag den 9 oktober 1818, des nademiddags ten 2 uren bij de provisionele, en des avonds ten 6 uren bij de finale toewijzing, ten huize van T. Stalman, kastelein in de Groote Stal aldaar publiek verkopen: een extra welgebouwd Kofschip, de VROUW JANKE genaamd, thans liggende bij de Groote Stal te Workum, lang over steven 65 voet, wijd 17½ voet en hol 6¼ voet, bevaren geweest door schipper Wieger S. Hobma, bij al zijn annexen, bij inventaris op de billetten gespecificeerd. (opm: in de LC van 20 oktober 1818 wordt het schip weer aangeboden, nu met vermelding, dat er “werd geboden de zeer geringe som van NLG 1700,25”)


03 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 oktober. Uitgezeild van Texel Zijner Majesteits Korvet van Oorlog DE DOLPHIJN, kapitein-luitenant Wardenburg, naar de kust van Guinee, en L. Schneider (opm: zoals meestal zonder vermelding van scheepsnaam) naar Batavia, met troepen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 oktober. In een brief van Carlsham (opm: Karlshamn, Zweden), van den 18 september, wordt gemeld, dat het schip ANNEKA MARIA, kaptein N. Rundquist, van Stokholm naar Rotterdam gedestineerd, in de nacht tussen den 12 en 13 dito, bij zware storm en donker weer, tussen Koppenhagen en Falster, door een Engelse brik overzeild was geworden, hetgeen de kaptein genoodzaakt had de bezaanmast en enige zeilen te kappen; hierdoor buiten staat geraakt om tegen de wind op te werken, was hij in gevaar geweest om op het land van Falster te geraken, doch met verlies van een anker en touw daarvan vrijgekomen; toen voor de wind afhoudende, had hij gelukkig Carlsham bereikt, alwaar hij bezig was de geledene schade te herstellen, en hoopte de reis te kunnen voortzetten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 oktober. Op 27 september te Vlissingen gearriveerd het schip de HOOP, kapt. J.J. Stijntjer (opm: Johannes Jans Stijntjes), van Londen. Dezelve rapporteert dat hij in de vroege morgen van den 26 dezer (opm: september), op een kabels (opm: = 100 vadem = 185.2 m) lengte van hem verwijderd, op de Noorder Rassen (opm: zandbank bij Walcheren), heeft zien verbrijzelen een vaartuig, hetwelk hij aanzag voor een Engelse sloep, die met ballast uit zee kwam.


  DC - Dordtsche Courant

Rotterdam, 30 september, Naar men verneemt ligt thans te Helvoetsluis zeilree Zr.Ms. korvet de AJAX, onder kommando van de kapt.-luit. Fuchs, tot het doen ener reize naar Batavia en aanhorige eilanden bestemd.


06 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 oktober. Kaptein A.H. Smit, van Droogbak (opm: Drøbak, Oslofjord), is op de hoogte van Texel door een kof overzeild, waardoor dezelve veel schade aan schip en tuig bekomen heeft.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 3 oktober. Gisteren de Schelde opgevaren naar Brussel HOOP EN VERWACHTING, kapt. J.L. Smith van Rouen, met steen en pleister. (opm: de smak werd hierna verkocht, zie RC 080118)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 5 oktober. Den 2 oktober is alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW ROSINA, kapt. Albert H. Lukkien, met hout van Noorwegen.
Den 3 dito zijn alhier binnen gekomen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jurgen J. Schuuring, met hout van Nerva (opm: Narva, Estland), de smakschepen de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, de VROUW ANNA, kapt. H.A. Smit, de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otte P. Smid, het kofschip WINDLUST, kapt. Geert R. Engelsman, het tjalkschip de JONGE GERRIT, kapt. G.E. Broekema, allen met hout van Noorwegen, en het tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, kapt. M.H. Groenewoldt, met granen van Dantzig (opm: Gdansk). Den 4 dito zijn alhier binnengekomen het galjootschip de VROUW HENDRIKA, kapt. Klaas van den Oever, met ballast van Londen, het kofschip de VROUW LUBBEGINA, kapt. Klaas H. de Weerd, met hout van Memel (opm: Klaipeda), het schoenerschip MARGARETHA, kapt. Laas Jacobsen, met hout van Noorwegen, het tjalkschip de JONGE EVERT, kapt. H. Willems, en het kofschip de JONGE DIRK, kapt. Thomas Smit, beide ledig van Amsterdam.


08 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 oktober. Den 23 september is te Falmouth lek en met verlies van zeilen binnengelopen het schip CHARLOTTA, kaptein H.H. Bleeker, van Amsterdam naar Demerarij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op morgen den 9 oktober 1818, des v.m. om 10 uren, zal men, te Goedereede, ten overstaan van een daartoe bevoegde beambte, publiek aan de meestbiedende (om contant geld) verkopen: de geborgen sloep of jol en scheeps-gereedschappen van het op den 15 september 1818, aan den Eilande Goedereede, gestrande Engels sloepschip DILIGENT (opm: zie RC 190918), gevoerd geweest bij kaptein William Atkinson, bestaande in zeilen, staande en lopend want, rondhout, en het geen verder tot gezegd schip heeft behoord; en vervolgens, des namiddags om twee uren van die dag, het Hol van hetzelve schip, met de daar op staande mast, zo als het zich op het strand op de zuidwesthoek van de zogenaamde Springer, aan voorschreven Eilande, bevindt; en eindelijk nog het anker en kabel, of ankers en kabels, van het gedagte schip, en het geen aldaar verder zal geveild worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 23 september is te Falmouth lek en met verlies van zeilen binnengelopen het schip CHARLOTTA, kaptein H.H. Bleeker, van Amsterdam naar Demerarij.


  DC - Dordtsche Courant

De minister voor de marine brengt hiermede ter kennisse der scheepvarenden en verdere daarbij belanghebbenden, dat het kofschip, hetwelk, volgens de door hem gedane advertentie, in de dato de 13 juli dezes jaars, op de vlakte van de Maas was verongelukt en op de in die advertentie vermelde plaats gezonken was, thans gelicht is en hier door dit vaarwater, weder als voorheen, veilig kan worden bevaren.
‘s Gravenhage, den 6 oktober 1818 De minister voor de marine,
J.C. van der Hoop


  DC - Dordtsche Courant

Te Dordrecht ligt in lading naar Lissabon: het Nederlandse kofschip BOUDEWINA, kapt. Jacob Strobuur, voorzien van een Turkse Pas.
Adres bij de Scheepsmakelaar Gerard Mauritz, aldaar.


  DC - Dordtsche Courant

Heden is alhier gearriveerd de equipage van het op de 26 dezer (opm: september) op de Noorder Rassen geheel verbrijzeld schip. Hetzelve was het Engelsch sloepschip, genaamd LIONOIR, gevoerd door kapt. James Stephan, komende van London en gedestineerd naar Ostende, geladen met suiker, koffij, rijst en katoen.
Buiten de kapitein, hier boven reeds genoemd, bestaat de equipage uit de volgende personen: Pieter Brown, stuurman, Jan Bern, Thomas Daas, matrozen; André le Febre, scheepskok, en Jaart Sanders, scheeps-jongen. Dezelve had zich in de sloep gered en waren te Burgt in het eiland Schouwen aan de wal gekomen.


 STR - Sont Toll Register

Kapt. J.H. Normann (opm: kapt. G.H. Noorman, HENRIETTA), thuishaven Amsterdam, passeert de Sont, onderweg van Leith naar Stettin.


09 oktober 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, den 9 oktober. Sedert onze laatste is in Texel binnengekomen D. Snell (opm: OTHELLO), van New York. (opm: na aankomst te Amsterdam werd dit Amerikaanse fregat op 30 oktober voor NLG 15.000 verkocht aan N.J. de Cock & Frère, Gent, en verdoopt tot L’AUGUSTE, thuishaven Gent)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 8 oktober. Den 5 oktober zijn alhier binnen gekomen het everschip de JONGE ANNA, kapt. J. Sent, ledig van Amsterdam, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeven, met hout van Noorwegen.
Den 7 dito zijn alhier binnen gekomen het kofschip de JONGE MARGARETHA, kapt. Claas Broek, ledig van Amsterdam om pannen te laden voor Tonningen (opm: Tönning), het kofschip ANNA CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het galjootschip JUPITER, kapt. Barend Roelofs van Wijk, en het brikschip HARMONIE, kapt. H. Nielsen, alle drie met hout van Noorwegen, en het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, met Oostzees hout van Memel (opm: Klaipeda).


10 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 6 oktober. Het Hollands fregat de DOLPHIJN, van Texel komende en naar de kust van Afrika bestemd, is vrijdag (opm: 2 oktober) te Duins (opm: The Downs) binnengelopen, en heeft vijftig slaven aan boord, die het gouvernement der Nederlanden edelmoedig naar hun land terug zendt. Na de slaven ontscheept te hebben, moet het fregat naar de Hollandse West-Indische Koloniën zeilen. (opm: het schip vervolgde op 8 oktober haar reis)


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Schiedam ligt in lading voor Charlestown, kaptein E.M. Masen, voerende het snelzeilende Nederlandse Brikschip EUGENIE; dezelve is geschikt om passagiers tot een modique (opm: billijke) prijs mede te nemen, en vertrekt den 13 of 14 oktober. Adres bij de cargadoors A. Prins en Comp.


13 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 oktober. Van Elseneur (opm: Helsingör) wordt van den 3 dezer gemeld, dat in de oostelijke storm van den 27 september lek geworden en bij Klintholm, op Møn, op 4 vadem (opm: 24 voet) water, gezonken is het schip de JONGE HARMANUS, kapt. A. Brieland (opm: smak, kapt. A. Breeland), van Windau (opm: Ventspils) naar Delfshaven; de kaptein was, na vijf uren op een plank van de roef in zee gedreven te hebben, aan land gekomen; ook was een matroos, die in de top van de bezaansmast geklommen was, gered, doch de stuurman en kok waren verdronken; het schip en de lading zouden weg zijn, doch men hoopte nog iets van de inventaris te bergen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 oktober. Volgens schippers berigt, is in een haven van Noorwegen binnengelopen, om de lading, welke aan het broeijen geraakt was, te lossen, het schip de MORGENSTER, kaptein H.P. Boer, van Riga naar Zwol. (opm: Zwolle, zie ook RC 151018)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 oktober. Kaptein W. Ward, den 25 augustus van Rotterdam te Boston (opm: Mass.) gearriveerd, heeft den 29 juli, op 46 en 1 halve graad breedte, 19 en 1 halve graad lengte, gepraaid de brik HESPER, kaptein J. Stevens Junior, hebbende 16 dagen reis, van Amsterdam naar Newburyport (opm: Mass.), en den 30 dito op 47 gr. breedte, 22 gr. lengte, het Hollands schip OECONOMIE, kaptein J. Oelsen, met passagiers, van Amsterdam naar Philadelphia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 11 oktober. Te Curaçao is gearriveerd van Amsterdam J.P. Visser, laatst van St. Eustatius en St. Martin, alwaar hij een gedeelte der lading gelost heeft.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Men schrijft uit Duins (opm: Deal), van de derde oktober: ‘s Konings Nederlands fregat de DOLPHIJN, voor de kust van Africa bestemd, is op de tweede op onze rede aangekomen. Aan boord van hetzelve bevinden zich 50 Africaansche slaven, welke dankzij de menslievendheid van het Nederlandsche Gouvernement hunne familiën en hun vaderland zullen teruggegeven worden. Na die zending zal zich dat schip naar de Nederlandse West-Indische volksplantingen begeven.


15 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 oktober. Volgens een brief van Oostrisoer, van den 26 september, had kaptein H.P. Boer, voerende het schip de MORGENSTER, van Riga naar Zwol gedestineerd, aldaar binnengelopen en gelost, deszelfs lading weder ingenomen en den 23 dito de reis vervolgd. (opm: zie RC 131018)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 oktober. Te Terschelling is binnengelopen J.P. Lindorf van Koppenhagen (opm: Kopenhagen); dezelve heeft wegens zware lekkagie in de Noordzee circa 200 zakken salpeter over boord geworpen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Een iegelijk, die iets schuldig is aan, of te presenteren heeft van de rederij van het schip ANNA AGATHA, gevoerd geweest door kaptein J.J. Tiddens, wordt verzocht daarvan ten spoedigste opgave te doen aan de kaptein H. Reiding, zich thans bevindende op het gemelde schip, in de Wijnhaven, te Rotterdam. (opm: volgens een volgende advertentie bevond kapt Reiding zich toen op de werf van De Jong en Kortland, te Rotterdam)


 MCO - Middelburgsche Courant

Middelburg, 14 oktober. Heden zeilde naar zee het fregatschip (opm: pink) de JOHANNA MARIA, kapt. F. Jonker, van deze stad, naar Batavia.


16 oktober 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, 14 oktober. Aangekomen te Gravesend T. Marsh, (opm: brik VLIJT) van Rotterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een Kofschip, de AREND EN HENKE genaamd, groot ongeveer 70 rogge-lasten, zijnde korts aanmerkelijk vertimmerd, en voorzien van een schone inventaris, laatst door Pieke F. Zijlstra als schipper bevaren, en thans te Workum is liggende. Wie hier aan gadinge maakt, vervoege zich bij Evert O. Houtsma te Makkum.


  LC - Leeuwarder Courant

Te koop: een hekschuit, met mast en staag. Bij scheepstimmerbaas Claas P. Sjollema uit Grouw.


17 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 13 oktober. Het schip de VRIENDSCHAP, De Briom, van Antwerpen naar Waterford, is den 9 dezer lek te Weymouth binnengelopen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 oktober. Met het schip de KOORNZAAIJER, kapt. A. Smit, den 11 oktober van Batavia in Texel binnengekomen, van waar het den 1 juni gezeild is, heeft men brieven van Batavia tot den 30 mei, volgens welke het schip (opm: pink) JAN EN CORNELIS, kaptein J. Duijff, tegen medio juni van daar naar Amsterdam zoude vertrekken; de schepen de HOOP, kaptein M.D. Ihnken, en MARIA, kaptein H. Wehmhoff, waren voor de reis naar Japan aangenomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 oktober. Kaptein P. Mooijekind, voerende het bomschip FORTUNA, van Amsterdam naar Havre gedestineerd, meldt van Stavoren van den 12 oktober, dat hij, den 10 dito van Amsterdam vertrokken zijnde, de volgende ochtend door de loods op het Enkhuizer Zand aan de grond gezeild was en aldaar, gedurende vijf uren, gestoten had; het schip daardoor zwaar lek geworden en de mast of het spoor gebroken zijnde, was hij te Stavoren binnengelopen en zou lossen om te repareren.
(opm: kapitein Nicolaas Mooijekind was genoodzaakt een lening groot NL 1.096 op bodemarij op te nemen om zijn schip te kunnen laten herstellen; financier Jan Corver, waarschijnlijk zijn zaakwaarnemer te Amsterdam, liet deze lening op 7 december 1818 vastleggen tegenover notaris Horatius Albarda in Workum; na reparatie zeilde de FORTUNA verder naar haar eindbestemming Le Havre, maar strandde op 19 december nabij Calais en ging verloren, zie RC 291218; doordat het schip verging behoefden de aandeelhouders onder de voorwaarden van bodemarij hun lening niet terug te betalen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 oktober. Het schip de VREDE, kaptein F.J. Fonk, van Rouen te Hamburg gearriveerd, is lek, en heeft anker, touw en zeilen verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Ter verkoop of bevrachting wordt aangeboden een zeer snelzeilend gekoperd Engels Fregatschip, groot circa 300 lasten, liggende in de nabijheid van Rotterdam. Adres bij W. Smith en Comp, cargadoors aldaar.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Rotterdam liggen in lading naar:
Batavia: het nieuw gekoperd Driemastschip CLARA, kaptein Willem Steut (opm: William Stent), groot circa 300 lasten; ook voor passagiers, tot welk einde hetzelve bijzonder is ingerigt.
Surinamen: het Brikschip VENILLIA, kaptein G. Straatman; zijnde bijzonder goed ingerigt tot het overvoeren van passagiers.
Liverpool: het schip MINERVA, kaptein Frans Popkin.
Adres bij Hudig, Blokhuyzen en Van der Eb
Duinkerken: het Beurtschip de JOHANNA KORNELIA, kaptein A. Zeeuwen.
Leuven en Mechelen: het Beurtschip de GOEDE HOOP, kaptein Willem Visser, om den 20 oktober te vertrekken.
Brugge en Ostende: het schip de ONDERNEMING, kaptein C. v.d. Poele, om den 20 oktober te vertrekken.
Duinkerken: aan de beurt, het Beurtschip (opm: gaffelschip) de JONGE HARM, kaptein Cornelis Vermijs, zullende ten spoedigste vertrekken.
Adres bij de Commissaris en Bestelmeester Walop en de Wed. Beyerman, op de Zuidblaak, wijk B, No. 18
St. Valery-sur-Somme en St. Malo: het Sloepschip ZELDENRUST, kaptein A. van der Mey.
Rouaan: het Smakschip ONDERNEMING, kaptein A. Smit.
Adres bij de Bestelmeester K. de Vogel, of Ooms en De Groot, cargadoors
Batavia: het gekoperd eiken zeer snelzeilend Fregatschip CORNELIA SARA, kaptein Jacob Marcussen, om in het laatst van november te vertrekken.
Curaçao: het Brikschip CONNEMIE, kaptein M. Bartholomeus.
Barcelona: het Brikschip de VROUW ADRIANA, kaptein Cornelis Smit.
Hull: het Kofschip de GOEDE HOOP, kaptein Johannus Jansen Kardag.
Marseille: het schip JONGE HENDRIKA, kaptein Haye Everts Heinrichs.
Nantes: het Smakschip de VROUW TEUNEGINA, kaptein Eeltje Klaassen de Wilde.
Adres ten Kantore van Kuyper, Van Dam en Smeer
(opm: uitsluitend Nederlandse schepen verzameld, gedurende een periode van ca. 10 dagen)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.P.G. Geyrath, wonende in de Magere Varkenssteeg, Wijk E, No. 6, te Rotterdam, beveelt zich in de gunst van Heren kooplieden, reders en mrs. Scheepstimmerlieden, tot het maken van alle soorten koperen spykers, zo tot het dubbelen van schepen als kompashuizen benodigd; kunnende men altijd van een zeer spoedige, accurate en civiele bediening verzekerd zijn, en naar verkiezing het koper zelfs leveren.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 15 oktober. Heden is naar Antwerpen de Schelde opgevaren de JONGE PIETER (opm: pleit JEUNE PIERRE, ex-GALANT), kapt. J. Heye, van Londen, met differente goederen.


19 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Baltimore is gearriveerd kapt. Potter (opm: L’HARMONIE), van Antwerpen; te Bilbao C. Bandix (opm: kof VROUW DOROTHEA); te Marennes M.H. Prins (opm: smak VROUW MARIA).


20 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 18 oktober. Van Elseneur (opm: Helsingör) wordt den 10 oktober gemeld, dat den 30 september te Gothenburg was binnengelopen kaptein H.J. Veen van Newcastle naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), die den 29 des nachts, bezuiden de punt van het rif van Anholt, door een Engelse brik overzeild was geworden, en daardoor veel schade aan het schip en tuig bekomen had, doch niet zou behoeven te lossen, alzo het schip digt was.


  DC - Dordtsche Courant

Hellevoetsluis, 18 oktober. Gister namiddag zeilden in zee: Zr.Ms. korvet van oorlog AJAX, kapitein Fuchs, naar Batavia, en kapitein Mason, met de brieven van den 17 dezer, naar Harwich. De wind O.


22 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 16 oktober. Den 13 dezer is te Falmouth binnengelopen het schip de VROUW ELISABETH, H. Brederode, met een honderd vijftig passagiers, van Amsterdam naar Philadelphia. (opm: op 23 oktober weer vertrokken)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 16 oktober. Het schip de CONCORDIA (opm: brik CONCORDE, Gent, zie RC 011018), van Java naar Holland gedestineerd, den 4 juni lek in de Algoabaai, aan de Kaap de Goede Hoop, binnengelopen, is afgekeurd. (opm: schip en inventaris werden ter plaatse verkocht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 16 oktober. Den 6 juli is aan de Kaap de Goede Hoop gearriveerd het schip MIDDELBURG, Van de Putten, van Middelburg naar Canton; den 19 dito is van daar vertrokken het schip SAMARANG, Scholtijs, van Amsterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 20 oktober. In Texel is binnengeweest, J.J. Kluin, naar Rotterdam, als bijlegger, van Pillau om contrariewind en schade.


23 oktober 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 22 oktober. Den 19 oktober zijn alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn, met hout van Noorwegen, en het smakschip de VROUW ELSINA, kapt. H.G. Busker, met hout van Memel, en is uitgezeild het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. J.B. Goossens, met ballast op avontuur.
Den 21 dito is van hier uitgezeild het smakschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jan W. Overmeer, ledig naar Makkum.


24 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 oktober. In een brief van de Kaap de Goede Hoop, van den 15 augustus, wordt gemeld, dat den 7 dito in de Baai Fals (opm: False Bay) aangekomen was het schip (opm: fregat) MIDDELBURG, kaptein J.A. van de Putte, van Middelburg naar Batavia en Canton (opm: Guangzhou) gedestineerd; hetzelve was op deszelfs reis door een kaper van Buenos-Ayres gepraaid geworden, en de volgende dag op 38 gr. N.B. aangedaan door een schooner, welke vier karonnades (opm: kanonnen) en naar gissing vijftig man voerde en zichzelve een zeerover noemde, die kaptein Van de Putten beval zich over te geven; doch deze hier aan niet ogenbliklijk voldoende, begon de rover te vuren, hetgeen de MIDDELBURG nadruklijk beantwoordde, met dien uitslag, dat na 15 à 16 minuten geëngageerd (opm: slaags) te zijn geweest, de schooner, wiens beide stengen reeds afgeschoten waren, afhield, terwijl integendeel kaptein Van de Putte slechts weinig schade aan het want geleden en niet één dode of gekwetste bekomen had. (opm: zie ook RC 210119)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 oktober. Den 8 oktober is, na volbragte reparatie, van Dantzig (opm: Gdansk) vertrokken het schip EXPEDITION, kaptein F. Hendwerck, van Riga naar Rotterdam.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Passage naar Ostende. Per het snelzeilend fregatschip LA DIANA, kapitein A. Carbon. Iemand de nodige bekwaamheden bezittende en genegen zijnde zich als doctor aan boord bovengemeld schip te engageren, gelieve zich te adresseren bij P.G. Siberg & Gildenhuis.


27 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 oktober. Volgens een brief van Nantes, in dato 20 oktober laatstleden, had men aldaar bericht van des Sables (opm: les Sables d’Olonne), in dato den 17 te voren, dat aldaar in de nabijheid op een stuk van een mast aan strand was gekomen een passagier van het schip le SULTAN, kaptein Kercum, van St. Domingo naar Rotterdam bestemd, hetwelk den 9 of 10 gezonken is 12 of 15 mijlen van de kust. Van de overige manschappen, ten getale van 15 en een passagier, welke zich in de sloep begeven hadden, was nog geen berigt.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. U.E. Stheeman, notaris te Scheemda, is voornemens ter instantie van de heer C.K. Brouwer, negotiant te Oostwolderhamrik, publiek op strijkgeldsconditiën te verkopen: een Smakschip, genaamd de TWEE GEBROEDERS, groot 75 roggelasten, met derzelver opgoed, enz, volgens inventaris, liggende thans in de haven van Termunterzijl.
Deze verkoping zal zijn op woensdag 11 november 1818, des namiddags te 2 uren, ten huize van kastelein A.H. Ailkema, te Nieuwolda, al waar de conditiën drie dagen bevorens ter lezing zullen liggen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop, geheel of gedeeltelijk, een extraordinair welbezeild eikenhout tweedeks gekoperd Fregatschip, groot circa 190 roggelasten, voorzien van een complete inventaris liggende voor Amsterdam; zijnde te bevragen aldaar, bij de makelaar Roland Holst, op de Buitenkant, No. 7.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. T. van Olivier, G.J. Roland Holst, H.J. Gemmening en G.W. Sesink Clee, makelaars, zullen, op maandag den 2 november 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair welbezeild Brikschip, genaamd HOOP EN LIEFDE, gevoerd geweest door Tede Machielsen, lang 71 en 1 half voet, wijd 19 voet 2 en 1 half duim, hol 13 voet 7 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Verkoping bij Regterlijk Gezag, van een Galjasschip, genaamd JOHAN PHILIP, liggende in de Wijnhaven, te Rotterdam, groot circa zestig lasten, lang over steven 78 voet 9 duim, wijd 22 voet 7 duim, hol in het ruim 11 voet, alles Amsterdamse maat; met deszelfs masten, rondhouten, staande en lopend want, ankers, zeilen, touwen, en verdere scheeps-gereedschappen, ingevolge inventaris.
Gevoerd geweest bij kaptein Hans Jurgen Jenssen, en in eigendom toebehorende aan dezelve en aan de Heren Schmidt en Plessing, de weduwe J.C. Plessing, W. Gamland, G.D. Reddelien en Comp, Green en Comp, Thol en Minlas en Joh. Henr. Wiltforch, alle wonende te Lübeck; ten verzoeke van de Heren Kuyper, van Dam en Smeer, Kooplieden en Cargadoors te Rotterdam, ten deze domicilium kiezende ten Huize van de voor hun occuperende Heer Procureur W.S. Burger Junior, op de Nieuwehaven aldaar, wijk M, No. 251, Requiranten in kragte van een vonnis, gewezen bij de Regtbank van Koophandel, zitting houdende te Rotterdam, in dato den 10 juli 1818, geregistreerd den 11 daaraanvolgende, ten Kantore van de Heer Ontvanger Verster, bij welk vonnis gemelde kaptein Hans Jurgen Jenssen is gecondemneerd (opm: veroordeeld) om aan de Requiranten te betalen de somma van 3944 gulden 10 stuivers met de interessen en kosten, en waarvoor hetzelve schip is verklaard speciaal te zijn verbonden en excutabel en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren.
De Executanten hebben het voorschreve schip en toebehoren ingezet om en voor de somma van 300 gulden.
De eerste opbieding zal geschieden op maandag den 2 november 1818;
De tweede op maandag den 9 derzelve maand,
En de derde of laatste op maandag den 16 daaraanvolgende, respectivelijk des middags te twaalf uren, in het Paleis van Justitie, ten overstaan van de Wel-Edele Gestrenge Heer Mr. A. van der Heim, regter in de Regtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Rotterdam, als daartoe door gemelde Regtbank gecommitteerd.
De Memorie van Lasten is gedeponeerd ter Griffie van meergemelde Regtbank, en Copie derzelve ligt ter visie ten Kantore van voornoemde Procureur W.S. Burger Junior, bij wie ook nader informatiën te bekomen zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. U.E. Stheeman, notaris te Scheemda, is voornemens ter instantie van de heer C.K. Brouwer, negotiant te Oostwolderhamrik, publiek op strijkgeldsconditiën te verkopen: een Smakschip, genaamd de TWEE GEBROEDERS, groot 75 roggelasten, met derzelver opgoed, enz, volgens inventaris, liggende thans in de haven van Termunterzijl.
Deze verkoping zal zijn op woensdag 11 november 1818, des namiddags te 2 uren, ten huize van kastelein A.H. Ailkema, te Nieuwolda, al waar de conditiën drie dagen bevorens ter lezing zullen liggen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 26 oktober. Den 21 oktober is van hier uitgezeild het brikschip HARMONIE, kapt. S. Nielsen, met ballast naar Noorwegen.
Den 22 dito zijn van hier uitgezeild de kofschepen ZEELUST, kapt. Albert Sluik, en JUPITER, kapt. Barend R. van Wijk, en de tjalkschepen de VROUW ANNA, kapt. H.A. Smid, de VROUW MARGARETHA, kapt. Albert H. Stuur, alle met ballast naar Noorwegen, en het kofschip CONCORDIA, kapt. Jan Clasen Nap, met ballast naar Cette (opm: Sète, Fr.).


29 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 23 oktober. Van Falmouth is den 17 dezer vertrokken het aldaar binnengelopen schip CHARLOTTE, H.H. Bleeker, van Amsterdam naar Demerarij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 oktober. Te Terschelling is binnengekomen J.J. Hasenwinkel van Duinkerken, gedestineerd naar Hamburg, komende hier binnen wegens lekkagie, verlies van ankers en touwen en meer andere schaden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 oktober. In de nacht tussen den 22 en 23 oktober is op de punt van de buitengronden vervallen het Engels fregatschip ANFIELD OF NEWCASTLE, gevoerd door kaptein Thomas Wilson, komende van Dantzig (opm: Gdansk) en gedestineerd naar Portsmouth, geladen met hout; zijnde het volk geborgen en heden namiddag op Terschelling aangekomen en vervolgens het schip roerloos, vol water en zonder volk van de grond geraakt en zeewaarts gedreven. (opm: zie RC 031118)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 oktober. In een brief van Gothenburg, van den 18 dezer, wordt gemeld, dat de lading van het aldaar binnengelopen schip de VIER GEBROEDERS, kaptein S. Cornelis, van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin) gedestineerd, twaalf vaten ijzerdraad, enig papier en een vat tabak, wegens beschadigdheid, publiek verkogt waren; het overige, tot zelfs de kaas, was onbeschadigd bevonden en weder ingescheept, waarna het schip die ochtend de reis had voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 oktober. Het schip de VROUW MARGARETHA, kaptein H.A. Veen (opm: zie RC 201018), van Newcastle naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad), had zonder lossen de schade gerepareerd en den 18 oktober de reis vervolgd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 oktober. Den 7 september is op 14º N.B. 26º23' W.L. gepraaid het schip de STAD GENT, kaptein G. Swart, van Antwerpen naar Rio Janeiro.


30 oktober 1818


  LL - Lloyd's List

Aangekomen te Swinemünde HENRIETTE, Norman (opm: HENRIETTA, kapt. G.H. Noorman)


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 30 oktober. Den 25 oktober zijn van hier uitgezeild het smakschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. E.H. Mulder, met ledig schip naar Groningen, en het kofschip ANNA FILIPPINA, kapt. G. Jans, met ballast op avontuur.
Den 26 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de GOEDE HOOP, kapt. Klaas Maurits, met hout van Noorwegen.
Den 28 dito zijn alhier binnen gekomen de kofschepen de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, en de JONGE YPEUS, kapt. H.H. de Weerd, de JUFVROUW BIBIANA, kapt. Israel H. Uiling, en het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Smit, allen met hout van Noorwegen, en is uitgezeild het pinkschip DE NOORDSCHE PRINS, kapt. Frederik Ellegens, met ballast naar Noorwegen.
Den 29 dito is van hier uitgezeild het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met granen naar Hull, en het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Janssen, met ballast naar Noorwegen.


31 oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 27 oktober. Den 18 juni is te Batavia gearriveerd het schip JEUNE ANNETTE, Van den Broecke: (opm: driemaster, thuishaven Brugge, kapt. Gaspard van den Broeke), en den 20 het schip BATAVIA, De Gelder, van Amsterdam; het schip JAN EN CORNELIS, J. Duijff, is den 12 dito vandaar naar Amsterdam gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 oktober. Den 16 oktober is voor Wight in goede staat gepraaid het schip la BELLE ALLIANCE, kaptein L. Heijde (opm: Noord-Nederlands fregat, kapitein de Oostendenaar Léopold Heyde), den 14 dito uit Helvoet gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 oktober. De Hollandse brik JOHN, kaptein Williams, den 21 juli van Jamaica naar de vaste kust vertrokken, is den 22 augustus, op de hoogte van Cumana, door een kustbewaarder van Santa Marthe genomen en aldaar opgebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 oktober. Den 21 juni is het schip (opm: fregat) de JONGE ANTHONIJ, Theodorus Azon Jacometti, te Batavia gearriveerd.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 30 oktober. Gister namiddag, ten half 5 ure, is hier, onder een verbazende toevloed van mensen, van de werf des heren scheepsbouwmeesters Jan Schouten, met het gelukkigst gevolg, van stapel gelopen het Brigantijn-schip HERSTELLER, groot 140 lasten; zijnde het eerste alhier, na de heugelijke omwenteling van 1813, gebouwde zeeschip, en, buiten Vriesland, het enigste, dat in Noord- of Zuid-Holland, door een scheepsbouwmeester, voor zijn bijzondere rekening, is op stapel gezet, om, ware het mogelijk, de vervallen Nederlandse scheepsbouw, zo veel in zijn vermogen was, weder op te beuren en te doen herleven. Wenselijk ware het, dat dit schip een koper vinden mogt, in welk geval voornoemde scheepsbouwmeester voornemens is, dadelijk een ander op stapel te zetten, terwijl, in het tegengesteld geval, hij zich genoodzaakt zou zien om 30 mensen te moeten afdanken, die anders de gehelen winter door voor zich en hun huisgezinnen bij hem brood zouden kunnen verdienen. In het jaar 1815 liep alhier het laatste zeeschip af.
(opm: in de bijlbrief van 18 mei 1819 wordt het schip door de werf als een driemast galjoot omschreven; kennelijk heeft de werf – die het schip zelf in de vaart bracht onder de eerste kapitein R.H. Velthuijs – er na de tewaterlating alsnog een derde mast op geplaatst en het oorspronkelijke tuig aangepast)


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Onderhands te koop: de Nederlandse kotter ENDEAVOUR, groot 85 tonnen. Een zeer goed vaartuig van zijn soort, en gekoperd, de enigste reden waarom hij verkocht wordt, is het overlijden van de gezaghebber, kapt. H. Miller.
Nader informatie te bekomen bij J. Nutting, aan het adres van de heer T. Rutter, te Batavia.
Batavia, den 29 oktober 1818.


03 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. Het Engelse schip ANFIELD OF NEWCASTLE (opm: zie RC 291018), den 23 van de Buitengronden zeewaarts gedreven, in diezelfde nacht door twee Terschellinger loodsen achtervolgd, die in volle zee het anker van hetzelve hebben laten vallen en vervolgens, met nog twee andere loodsschuiten van Terschelling en een van Vlieland, hetzelve schip tot in het Nieuwe Gat gesleept en naderhand tot voor het Ras van Terschelling gebragt hebben, alwaar het thans vol water, zonder roer en zeer ontramponeerd ligt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 november. Van Bergen wordt van den 10 oktober gemeld, dat aldaar op de rivier aangekomen was het schip SEIJEREN, A. Poetroeus (opm: Pœtrœus), van Rotterdam naar Koppenhagen; het schip had op de hoogte van Sindesnæs, door aanzeiling, de fokkemast verloren en de boegspriet gebroken.


  DC - Dordtsche Courant

Dordrecht, 2 november. Aan deze stad zijn gearriveerd: de schepen de EENDRAGT, kapt. Hendrik Zurmeijer, van Riga, met rogge; SPECULATION, kap. R.E. Brouwer, en de ZWAAN, kapt. C.L. Menzel, beide van Bergen, met stokvis en traan. Voorts zijn in het gezigt: de schepen FRIENDS, kap. John Barnet, van Riga, met rogge; ELZINA, kap. E.G. Pekelder, en DRIE GEBROEDERS, kap. C.J. Snijder, beide van London, met ballast.


  LC - Leeuwarder Courant

Dordrecht, 30 oktober. Gisteren namiddag ten half 5 uren is hier, onder een verbazende toevloed van mensen, van de werf des heren scheepsbouwmeesters Jan Schouten met het gelukkigst gevolg van stapel gelopen het brigantijnschip – ook wel in onze taal barkentijn genoemd – de HERSTELLER, groot 140 lasten, zijnde het eerste alhier na de heugelijke omwenteling van 1813 gebouwde zeeschip, en, buiten Friesland, het enigste, dat in Noord- of Zuid-Holland door een scheepsbouwmeester voor zijn bijzondere rekening is op stapel gezet om, ware het mogelijk, de vervallen Nederlandse scheepsbouw zo veel in zijn vermogen was, weder op te beuren en te doen herleven. Wenselijk ware het, dat dit schip een koper vinden mocht, in welk geval voornoemde scheepsbouwmeester voornemens is dadelijk een ander op stapel te zetten, terwijl, in het tegengesteld geval, hij zich genoodzaakt zou zien om 30 mensen te moeten afdanken, die anders de gehele winter door voor zich en hun huisgezinnen bij hem hun brood zouden kunnen verdienen. In het jaar 1805 liep alhier het laatste zeeschip af.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 2 november. Den 30 oktober zijn alhier binnen gekomen het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, het tjalkschip de VROUW ELISABETH, kapt. J.H. Bleeker, beide met hout van Noorwegen, en het smakschip de VROUW REINNERINA (opm: VROUW REINERA), kapt. B.J. Bondrager, ledig van Amsterdam.
Den 31 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Hulst, met hout van Noorwegen.
Den 1e november is alhier binnen gekomen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hilke Wiebes Overmeer, met ballast van Hull.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 26 oktober. Den 12 oktober is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW SABINA, kapt. Jurrien D. Duijntjer, ledigscheeps naar Groningen om te laden op Londen en op den 14 dito het smakschip de VROUW ELIZABETH, kapt. A.B. Ekkel, ledigscheeps naar Groningen, even eens om te laden op Londen.
Den 15 dito is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW GEERTRUYDA, kapt. J.H. Visser, ledigscheeps naar Schiermonnikoog.
Den 16 is van hier uitgezeild het tjalkschip de JONGE AFINA, kapt. R.C. Hazewinkel, ledigscheeps naar Groningen om te laden op Londen.
Den 17 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip NOOITGEDACHT, kapt. Jan Geltes, ledig van Norden naar binnenlands, en het smakschip de JONGE RUURD (opm: JONGE REMPT), kapt. Willem Jacobus Mellema, met balken van Stettin (opm: Szczecin).
Den 20 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. J.B. Mulder, met Noors hout van Breweck (opm: Brevik, Z. van Porsgrunn).
Den 21 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. S.W. de Boer, met raapzaad en tarwe van Hannover naar Amsterdam.
Den 25 dito is van hier uitgezeild het smakschip de JONGE REIND (opm: JONGE REMPT), kapt. Willem Mellema, en het tjalkschip de VROUW CATHARINA, kapt. J.B. Mulder, beide naar Groningen vertrokken om te laden op Londen.


05 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Brussel, 3 november. De koning van de Nederlanden en de koning van het Verenigd Koninkrijk, bezield met een wederzijds verlangen tot het nemen van de krachtdadigste maatregelen, om het handelen in slaven, door hunne onderdanen, te beletten, en om voor te komen dat andere volken, welke zich daarop toeleggen, zich van hun respectieve vlaggen bedienen, om deze schandelijke handel te beschermen, hebben een uit tien artikelen bestaand traktaat gesloten waarbij o.a. het volgende werd overeengekomen:
Art. 1. Binnen acht maanden na ratificatie van het verdrag wordt ook aan Nederlandse onderdanen verboden aan de slavenhandel deel te nemen.
Art. 2. De marines van beide mogendheden moge elkaars op redelijke gronden verdachte koopvaardijschepen visiteren, met uitzondering van schepen varende in de Middellandse Zee, de Europese zeeën, gelegen buiten de Straat van Gibraltar, ten noorden de 37e parallel noorderbreedte, noch ten oostelijk de lengte-meridiaan, op de 20e graad bewesten Greenwich.
Art. 7. In beide landen zal een gerechtshof worden opgericht, samengesteld uit een gelijk aantal personen van elk der landen, om over de aangehouden schepen een oordeel te vellen. Hierop is geen appèl mogelijk.
(opm: bewerkt en sterk bekort)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november. Kaptein O.M. Scholl, voerende het schip MINERVA, van Pillau (opm: Baltyisk) naar Amsterdam gedestineerd, meldt van Mardow (opm: vroeger: De Vos van Maerdou, thans: Arendal) in Noorwegen, van den 10 oktober, dat hij den 3 dito tot over het Jutse rif gekomen zijnde, hij door harde wind was overvallen, verzeld van geweldige hoge zee, en het schip door een zware stortzee op zijde geworpen werd, doch zich weder oprigtede, bevond toen de pompen door rogge en tarwe gevuld, zo dat men meer granen dan water pompte; hierop door het volk gedwongen een haven te zoeken, was hij den 4 te Mardow (opm: Arendal) binnengelopen; bij onderzoek was het schip aan de ene zijde ontzet bevonden, drie zeilen gescheurd en alles van het dek geslagen; hij zou alleenlijk het noodzaaklijkste repareren; ten welke einde hij moest lossen; tweederde van de lading waren reeds opgeslagen en gebleken in goede staat te zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november.In een brief van Rostock, van den 27 oktober, wordt gemeld, dat het schip AURORA, kaptein S.F. Dethloff, van daar naar Amsterdam gedestineerd, tot den 8 dito zee gehouden hebbende, te Eggersund (opm: Egersund) was binnengelopen, na dat de mast gebroken, de lading overgegaan en een gedeelte van dezelve over boord geworpen was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november. Den 28 oktober is, na twee maal voor Texel geweest te zijn, te Hull lek binnengelopen het schip IDA, kaptein D.E. Thoms, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad) naar Amsterdam; behoeft echter niet te lossen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 3 november. Volgens brieven van Suriname, van den 12 september, zou in de helft dier maand van daar vertrekken het schip de HERSTELLING, kaptein D. Sibolts; in het laatst derzelve maand het schip FORTUNA, kaptein J.H. Freijbourg; in de helft van oktober het schip de VRIENDSCHAP, kaptein J.K. de Jong (opm: pink, kapt. J. Kersjes de Jong), en tussen den 11 en 20 dito het schip NICOLETTE JEANNE, kaptein M. Koos, alle naar Amsterdam.


  DC - Dordtsche Courant

Te Nieuwpoort is dezer dagen de scheepskapitein De Cock (opm: Jean-François de Kock), van Boom bij Antwerpen, ontdekt. Sedert lang was hij beschuldigd van valse munten in Belgien en in Frankrijk ingevoerd te hebben. Verscheidene zijner medeplichtigen zijn mede gevat. Die zaak zal zeker voor de eerstvolgende assises van West-Vlaanderen dienen. Tegen gemelde kapitein zal ook nog geprocedeerd worden, wegens het moedwillig laten zinken en het bestelen van het schip (opm: smak) de KLEINE JAN, voor Blankenburg, op 22 december 1816.


  DC - Dordtsche Courant

Amsterdam, 3 november. Den 4 september l.l. is door de gouverneur-generaal, met en benevens de raden van politie en criminele justitie der kolonie Suriname, gearresteerd, en den 12 daaraanvolgende gepubliceerd, een resolutie betreffende het lastgeld, waarbij, uit krachte van art. 99 van het reglement op de regering der gezegde kolonie, houdende de bepaling, dat de lastgelden van de schepen provisioneel zullen betaald worden op de zelfde voet als voor het jaar 1795 heeft plaats gehad, wordt vastgesteld het geen volgt:
“ I. Van alle Nederlandse schepen, na de dag der afkondiging dezer resolutie, in deze kolonie binnenkomende, en last brekende of innemende, zal elke reis betaald worden een lastgeld van ƒ 3.- Hollands, voor ieder last dat het schip groot is, het last gerekend tegen twee tonnen.
II. Dit lastgeld zal kunnen betaald worden hetzij in Surinaams papieren- of kaartengeld, gerekend naar de koers bij het gouvernement bepaald, hetzij in goede wissels ten genoegen van de ontvanger aan wie de invordering van dit lastgeld zal worden opgedragen, en zal hetzelve worden berekend volgens de meetbrief in de Nederlanden aan de schippers uitgereikt, dien zij alhier aan de ontvanger zullen vertonen, of wel, ingeval zij hun meetbrief niet kunnen produceren, volgens de meting die alhier door een gezworen meter zal gedaan worden.
III. Aan geen schipper zal expeditie worden verleend alvorens deze lastgelden zullen zijn betaald.
IV. Het lastgeld van vreemde schepen, in deze kolonie geadmitteerd wordende, zal provisioneel geheven blijven worden op de tegenwoordige voet.”


07 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 5 november. Den 26 september is op de hoogte van Bergen gezonken het smakschip de VROUW AFINA, kaptein E.J. Mos, van Monnikendam naar Christiansand (opm: Kristiansand); het volk is op één man na met groot gevaar door een Noordse brik gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Den 12 oktober zijn de drie Russische fregatten te Kadix (opm: Cadiz) aangekomen, welke door de keizer van Rusland aan de koning van Spanje geschonken worden tot schadeloosstelling voor de zware onkosten, die Zijne Majesteit verplicht is geweest te maken aan de van Rusland gekochte schepen. Een dezer fregatten is van 44 en de anderen van 36 stukken. (opm: zie ook RC 301017)


  BC - Bataviasche Courant

De Postmeester van Batavia doet door deze aan het publiek adverteren, dat op zondag den 15 november 1818, de te verzenden brieven maal per het schip CHRISTINA BERNARDINA, kapitein H.F. Zeijlstra, voor Nederland, en Cabo de Goede Hoop zal gesloten worden, moetende ten dien einde de brieven ter verzending derwaards, op die dag voor vijf uren des namiddags aan het Postkantoor bezorgd zijn. Generaal Postkantoor te Batavia, den 7den November 1818.


10 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Het schip HESPERUS, kapt. J.C. Schenkhuizen, den 4 november in Texel van Demerarij binnengekomen, is den 14 september van daar vertrokken, en heeft in ruim tien maanden twee reizen naar Demerarij en terug volbragt; zijnde den 20 december laatstleden uit Veere, alwaar het binnengelopen was, naar zee gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Van Batavia schrijft men, den 30 mei, het volgende:
Men verneemt, dat op den 3 dezer bij Kanantie een Chinese jonk door zeventien zeerovers is aangevallen, doch dat door de tijdige hulp van de aldaar woonachtige Heren Hollart en Burstem het roofgespuis niet is geslaagd in zijn voornemen, om dit vaartuig te overmeesteren. De regering heeft aan gemelde heren hare tevredenheid over het gedrag, door hun te dezer gelegenheid gehouden doen te kennen gegeven.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Men meldt het navolgende van Rembang (opm: Noordoost-Java), van den 11 mei laatstleden: Gisteren heeft de scheepsbouwmeester P. Neff, een Amerikaan van geboorte, in de rivier van Lassum, van stapel laten lopen een schip van zeshonderd lasten, gebouwd voor rekening van de Arabier Sarief Kusun Bara Kabar. De wijze, waarop dit geschiedde, was zeer eenvoudig; geen slede noch gierings werden gebruikt en twee mensen waren voldoende om twee ligte blokken, waarop het gehele gevaarte rustte, weg te slaan, waarna het schip, onder het gebulder van het geschut, statig afliep, tot groot genoegen van de verwonderde menigte. Bijna de gehele bevolking van deze kleine plaats was op de been en het genoegen algemeen. Na dat de echtgenote van de Resident het schip naar lands wijze, met het werpen van enige klappers (opm: kokosnoten) tegen de romp, de naam van de zoon van de eigenaar had gegeven, werden de voornaamste inwoners op een welïngerigte maaltijd genodigd, op welke het welzijn van onze dierbare Koning, het koninklijk geslacht en het moederland met geestdrift werd ingesteld, en waarbij men de verdienstelijke Bouwmeester Neff, en de aanlegger van de Timmerwerf J. Dixon, de welverdiende lof toezwaaide. – Thans staan nog alhier op stapel een schip, mede van 600 lasten, een schooner, gebouwd naar het model van Zijner Majesteits schooner KALIJPSO, en een schip, genaamd de GOUVERNEUR VAN DER CAPPELLEN.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 november. Den 19 mei lagen ter rede van Sourabaija Zijner Majesteits schepen van oorlog ADMIRAAL EVERTSEN en ADMIRAAL DE RUYTER, benevens het fregat MARIA REIGERSBERGEN. Den 18 is aldaar gearriveerd Zijner Majesteits schip van oorlog PRINS FREDRIK, kaptein Van Senden, van de Molukse Eilanden komende, en den 29 april van Banda gezeild. Zijner Majesteits fregat WILHELMINA, kaptein Dibbetz, hetwelk troepen van Sourabaija naar Batavia had gebragt, is den 27 mei vandaar met troepen naar Padang gezeild.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 5 november. Den 2 november zijn alhier binnen gekomen de kofschepen de TWEE GEBROEDERS, kapt. W.R. Lucas, MERKURIUS (opm: MERCURIUS), kapt. J.B. van den Oever, beide met steenkolen, glas en aardewerk van Newcastle, en het smakschip de VROUW ELISABETH, kapt. Tjerk Yntes de Vries, met ballast van Londen.
Den 4 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE HENDRIK, kapt. Albert Hasewinkel, met ballast van Hull, en is uitgezeild het galjootschip AURORA, kapt. Claas Bode, met ballast naar Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Workum, 4 november. Alhier is den 29 oktober binnen gekomen het bunschip de VISSCHERIJ, kapt. A.L. Wildschut, van Londen en is uitgezeild de palingschuit de TWEE JONGVROUWEN, kapt. M.P. van Zee, naar Londen.
Den 30 dito zijn van hier uitgezeild de schepen de VROUW CHRISTINA, kapt. J.C. Lindeboom en de DRIE GEBROEDERS, kapt. O.G. Jacobs, beide naar Hamburg.
Den 2 november is alhier binnen gekomen het aalschip de VRIENDSCHAP, kapt. R.S. Visser, van Londen, en den 3 dito het bunschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.J. de Jong, en de palingschuit de VROUW DIEUWKE, kapt. G.A. Dijkstra, beide van Londen.


12 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 6 november. Volgens brieven van Batavia, van den 13 juni, liep aldaar een gerugt, dat het schip ROTTERDAM, Waters (opm: fregat, kapt. Thomas S. Waters), van daar oostwaarts zeilende, op Worden-Ledge vastzit, en er weinig hoop is, om het aftebrengen; er was niemand bij omgekomen. (opm: het schip bleef behouden)


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 6 november. Het schip the HOOP, Leuwes, den 30 augustus van Berbice naar Amsterdam vertrokken, is den 26 september, op 34 graden breedte, door een orkaan overvallen, waardoor schip en lading zeer beschadigd zijn; een gedeelte der lading was overboord geworpen, en het schip, in een zeer lekke en gevaarlijke staat zijnde, trachtte de Bermuda’s te bereiken.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 10 november. Op 15 oktober is 12 mijlen west van Scilly Isles in goede staat gezien een groot schip, uit Holland naar de Oost-Indiën, blijkens deszelfs seinvlaq No. 42 de HENRIETTE EN BETZEY, kaptein L.H. Schneider, den 29 september uit Texel naar Batavia gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Volgens de Lloydslijst van den 3 november, is den 26 augustus door de Tolbeambten te Berbice aangehouden het schip de BERBICIAAN, kaptein C. Rab, als hebbende een aanzienlijke hoeveelheid contrabande goederen aan boord.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 11 november. Den 24 mei is voor Sourabaija ten anker gekomen Zijner Majesteits Schip van Oorlog ADMIRAAL TROMP, kaptein Nooi, den 13 mei bevorens van Amboina (opm: Ambon) vertrokken.


 JAG - Journal des petites Affiches de Gand

Antwerpen, 10 november. Aangekomen het Belgische schip (opm: fregat) l’APOLLON, kapt. G.H. Quedens, van Rio-Janeiro aan het adres van de firma Jacques Serruys & Cie, geladen met koffie, huiden, suiker en ebbehout, het Hollandse schip VREDE EN VRIENDSCHAP, kapt. Klaas Nieuveen, van Liverpool; geladen met quercitron (opm: eikenschors om katoen geel te kleuren), rijst, manufacturen en steenzout. het Nederlandse schip (opm: fregat) les DEUX AMIS, kapt. J.B.H. Oreille, van Rio-Janeiro, aan het adres van M. Vanden Berg Aerts, geladen met koffie, katoen, geel hout, suiker, thee, droge huiden, tapioca en koopmansgoederen.


13 november 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 12 november. Alhier is den 6 november binnen gekomen het kofschip MARIA MAGDALENA, kapt. L.T. Kerkstra (opm: kapt. Teunis Lourens Kerkstra), ledig van Edam, en zijn uitgezeild het tjalkschip de VROUW ELIZABETH, kapt. J.A. Bleeker, ledig naar Groningen, en het kofschip CATHARINA, kapt. Daniel Tobbens, met ballast naar Bordeaux.
Den 9 dito is alhier binnen gekomen het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.E. Scherpbier, met hout van Memel (opm: Klaipeda).


  LC - Leeuwarder Courant

Workum, 10 november. Den 8 november is alhier uitgezeild het schip de VISSCHERIJ, kapt. A.L. Wildschut, met paling naar Londen, en den 9 dito is uitgezeild het schip de VIER GEBROEDERS, kapt. B.L. Wilts, met pannen naar Londen.


14 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 november. Het schip de HERSTELLING, kaptein A.T. Scheringa, van Amsterdam te Bordeaux gearriveerd, heeft averij.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 november. Van Quileboeuf-sur-Seine wordt van den 2 november gemeld, dat die nacht aan het einde van het bos van Watteville (opm: Vatteville, op de rivier de Seine) totaal verongelukt was het Hollands kofschip de HOOP, kaptein Y.G. Patje (opm: Jannes Garms Patje), van Rouaan naar Antwerpen en Brussel.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 12 november. Volgens een brief van kaptein Hendrik Lieuwes, voerende het schip de HOOP, van Berbice naar Amsterdam, geschreven den 9 oktober en nog die dag aan een Engels schip afgegeven, had hij den 26 september, op 31º46’ breedte, 54º30’ lengte west van Greenwich (opm: midden op de Atlantische Oceaan !), door een orcaan, die van den 25 tot den 28 had aangehouden, zijn gehele tuigagie verloren, en niets anders dan de grote mast, grote ra, fokkera en fokkemast, welke laatste echter boven de mars afgebroken was, behouden; zeilen, het stengewant, stangen, pardoens, staande en lopend want waren allen over boord geslagen, het roer gebroken, de boot, sloep, verschansingen, twee kanonnen en vijf watervaten aan stukken en over boord, de kajuitblinden, poorten, enz. mede aan stukken; het schip, hetwelk eerst over de ene en toen over de andere zijde gelegen had, zo dat het water tot aan het grote luik gestaan had, bij welke gelegenheid een gedeelte der lading over boord geworpen was, had, niettegenstaande men gedurig pompte, 7 à 8 voet water in en dreef bij het stil geworden weer rond; trachtende de kaptein met de nog overgeblevene zeilen een haven te bereiken. (opm: zie RC 031218 en 241218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Bericht voor Zeevarenden. Men brengt hiermede ter kennisse der belanghebbenden, dat, tot zekerheid der Scheepvaart op de Wezer, een sein- of vuurschip tussen de Tegelersplaat (opm: Tegeler Plate) en rode grond geplaatst is, liggende hetzelve aan een ketting-anker, in het vaarwater; met het begin van de vloed op 8 vadem water, niet verre van, en buiten de zevende zwarte ton, de Mellum-ton genaamd; welk schip slechts bij ijsgang zal genoodzaakt zijn zijne plaats te verlaten.
Hetzelve voert een grote- en bezaanmast en zal bij dag te kennen zijn aan deszelfs witte vlag met een rood kruis aan de top van de grote mast; bij nacht zal hetzelve een lantaarn-licht, 28 voet hoog, aan de grote mast onderhouden, hetwelk, bij heldere lucht, zal zigtbaar zijn op een afstand van drie vierde Duitse mijlen. (opm: een Duitse mijl meet 7407 m.)
De merken, die de ankerplaats van het voornoemde schip aantonen, zijn naar de compas in een linie:
Met Helgoland N. ¼ O. en Z. ¼ W.
Met de toren van Wangeroog W. ⅔ N. en O. ⅔ Z.
Met de kerk van Minsen op Jeverland Z.W.t.W. en N.O.t.O.
Met de Wezer baak Z. ten O. en N. ten W.
Bremen in de maand oktober 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op maandag den 14 december 1818, des namiddags ten drie uren precies, zal te Altona publiek aan de meest biedende worden verkocht: het van eiken hout, in Holland, op de Groenlandsche Visscherij gebouwde driemast Fluitschip 's LANDS WELVAREN, groot 135 commercie-lasten, laatst gevoerd door kaptein Ipete Petersen, gekomen van Archangel, en thans liggende in de haven van Altona, met deszelfs inventaris en het zich daarop bevindende grootste gedeelte der Groenlandse vleet- en visserij-gereedschappen. Te bevragen bij de Heren Gehrt en Köhler te Altona, de Heer Engelbert Walte te Bremen, en de makelaar J.H.A. Balwé te Amsterdam, bij wie mede de inventaris en nadere onderrigting te bekomen zal zijn.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 12 november. Heden is van Antwerpen de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de JONGE PETRUS (opm: JEUNE PIERRE), kapt. J. Heye, naar Maldon met garst.


17 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 15 november. In een brief van Donumerzijl (opm: Dornumersiel), van den 3 november, wordt gemeld, dat daags te voren, tussen Baltrum en Langeoog, een brik gestrand was, de naam onbekend; men had een tjalk tot assistentie derwaarts gezonden.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 16 november. Den 13 november zijn alhier binnen gekomen het tjalkschip MARGARETHA, kapt.J. Kuipers, ledig van Amsterdam, het tjalkschip ONRUST, kapt. J. Kraan, met koper, lood, wol, enz. van Hamburg naar Amsterdam gedestineerd, dat alhier binnenkomt met zware lekkage om te repareren, het tjalkschip de VROUW ZWAANTJE, kapt. T.H. Doyen, met vurenhout van Hamburg naar Amsterdam gedestineerd, dat eveneens alhier is binnen gekomen met zware lekkage. Uitgezeild is den 13 dezer het tjalkschip de VROUW MARGARETHA, ledig naar Oostvriesland.
Den 14 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk Clasen de Groot, met hout van Noorwegen, en is uitgezeild het smakschip VIGELANTIE, kapt. Rinse H. Smit, met granen en bonen naar Londen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris Wijma te Harlingen zal aldaar op woensdag den 16 december 1818, des nademiddags ten 2 uren bij de beschrijving, en des avonds ten 6 uren bij de finale palmslag , telkens in de herberg Benthem, publiek presenteren te verkopen: een welbezeild Smakschip, genaamd de WENSCH VAN GOEDE VRIENDEN, lang over steven 72 voet, wijd over de berghouten 17 voet 3 duim, hol op zijn uitwatering 7 voet 4 duim, te Papenburg gebouwd, en dat met al zijn rondhout, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil, en verdere daar bij zijnde en aanbehorende goederen, zodanig het is bevaren door schipper Hildert Jansen Volckerts, van Spykeroog (opm: Spiekeroog), en is liggende in de Zuiderhaven te Harlingen. Nader onderricht bij de heren Barend Visser & Zoon ten voormelde stede.


19 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 november. Van het schip CATARINA, van Antwerpen naar Londen, en den 13 september uit Vlissingen gezeild, heeft men sedert niets vernomen.


  DC - Dordtsche Courant

Zierikzee, 10 november. Heden hadden wij het genoegen, het eerste visch-chaloup-schip, ZIERIKZEESCH WELVAREN, schipper Huibregt Krakeel, gebouwd door de kundige scheepsbouwmeester Dirk de Zeeuw, te Vlaardingen, alhier te zien arriveren. De vreugde van alle weldenkende ingezetenen was uitermate groot, en een algemeen en welmenend gejuich getuigde het belang, dat iedereen stelde in het gezicht van hetgeen de toekomstige voorspoed en welvaart van Zierikzee moet daar stellen.


20 november 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 19 november. Den 16 november is alhier binnen gekomen het kofschip de VROUW ELISABETH, kapt. Nepperius (opm: Frans Berends Nipperus), met hout van Noorwegen, en de smakschepen CLASINA, kapt. J.A. Panjer, en de VROUW EKINA, kapt. J.J. Vegt, beide met ballast van Londen.
Den 18 dito zijn van hier uitgezeild de smakschepen CLASINA, kapt. J.A. Panjer, en de VROUW EKINA, kapt. J.J. Vegt, en het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Jacob E. Scherpbier, alle drie naar Groningen.
Den 18 dito zijn eveneens binnen gekomen om te klareren en den 19 dito weder uitgezeild naar Groningen, de tjalkschepen CATHARINA, kapt. J. Flik, de DRIE VRIENDEN, kapt. E.T. Tunkade, de HOOP, kapt. J.J. Stientjes, het smakschip NEPTHUNUS, kapt. A. Oosten, het kofschip ALIDA, kapt. H. de Duit, komende allen met ballast van Londen. Nog is binnen gekomen het tjalkschip de VROUW HENDRIKA, kapt. A.H. Lukkien, met ballast van Londen, en is uitgezeild het kofschip MERKURIUS (opm: MERCURIUS), kapt. J.B. van den Oever, ledig naar Makkum.


23 november 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam, 21 november. Binnengekomen in de Tafelbaai JOHANNA ELISABETH, P. Green, van hier.


24 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. E. Atkins van Boston, voerende het schip de AMSTEL (opm: mogelijk Engelse vlag, zie RC 311218), van Boston den 19 november in Texel binnen, heeft aldaar binnengebragt het kofschip de VOLHARDING, kaptein Ary Ouwehand, van Amsterdam naar Londen, zijnde door de equipagie verlaten, welke door een visser te Vlaardingen is aangebragt. (opm: de kof bleef in de vaart, zie o.a. RC 100619)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 november. Volgens een brief van de Kaap de Goede Hoop van den 15 september, was den 25, 26 en 27 augustus in de Algoabaai publieke verkoping gehouden van de brik la CONCORDE, kaptein J.D. Christen, en deszelfs lading.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 november. Den 22 arriveerde te Helvoetsluis de HOOP, kapt. J.J. Drok, van Petersburg. (opm: spoedig hierna is de brik naar Rusland verkocht)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Openbare Verkoping (om contant geld) bij executie, van een Damschuit, genaamd MAASSLUIS WELVAREN, ten laste van Jan de Haan, schipper en eigenaar van dezelve, wonende te Maassluis.
Men laat een iegelijk weten, dat er op dinsdag den 8 december 1818, des morgens ten 11 uren, aan de Blaak, bij het Maassluisse veer, zal worden overgegaan tot de verkoop, bij Regterlijk Gezag, van een Damschuit, genaamd MAASSLUIS WELVAREN, ladende 16 tonnen, voerende een bezaanmast, met deszelfs staande en lopend want en toebehoren, bestaande in een bezaan- en fokkerzeil, een anker, een kabel lang circa 30 vadem, vier meertrouwen, twee bomen, twee haken, een riem, een gang, een pusse (opm: puts), een dweilstok, een koperen ketel, een ijzeren pot, een stoof, een varken, een blik, een teerpusse (opm: een teerputs), twee teerkwasten, liggende aldaar; – gearresteerd ten verzoeke van Cornelis Weeda, scheepmaker, behoorlijk gepatenteerd, in de 6e Klasse, in dato den 11 oktober 1815, sub No. 120, te Ysselmonde, alwaar hij woont; doende electie (opm: keuze) van woonstede ten Kantore van de Heer Justus Willem van Cuylenborch, Procureur van de Requirant en van de Regtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Rotterdam, wonende aldaar, aan de Kipstraat, wijk K, No. 140; ter verkrijging ener somma van 169 gulden 65 cent, met de interessen en kosten, waartoe hij, ten behoeve van de Requirant, is gecondemneerd (opm: veroordeeld) geworden, bij vonnisse van de Regtbank van Koophandel, zitting houdende te Rotterdam, in dato den 18 september 1818 behoorlijk gezegeld, geregistreerd en betekend.
Alles zal des maandags vóór en op de dag der verkoping, ter plaatse voormeld, voor een ieder te zien zijn.
Rotterdam, den 18 november. H.P. Corne, Deurwaarder


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Op maandag den 14 december 1818, des n.m. ten drie uren precies, zal te Altona publiek aan de meestbiedenden worden verkocht: het van eikenhout, in Holland, op de Groenlandse Visserij gebouwde driemast Fluitschip ’s LANDS WELVAREN, groot 135 commercie-lasten, laatst gevoerd door kaptein Ipcke Petersen, gekomen van Archangel, en thans liggende in de haven van Altona, met deszelfs inventaris, en het zich daar bij bevindende grootste gedeelte der Groenlandse vleet- en visserij-gereedschappen.
Te bevragen bij de Heren Gehrd en Köhler te Altona, de Heer Engelbert Walte te Bremen, en de makelaar J.H.A. Balwé te Amsterdam, bij wie mede de inventaris en nadere onderrigting te bekomen zal zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Publieke verkoping, ten overstaan van de Notaris P. Verkade, in het Logement de Hollandsche Tuin, te Vlaardingen, op vrijdag den 27 november 1818, des namiddags ten drie uren, van drie-zestiende parten in het Vishoeker-buisschip, genaamd de JONGE PIETER ADRIAAN, stuurman Ary Kynen, en voor vier-zestiende parten in het Hoekerschip genaamd de JONGE JACOB VAN ARKEL, stuurman Jan Arysz de Ligt, varende onder directie van Mejufvrouw de Wed. J. den Baars; zullende met een-zestiende gelijk worden geveild en verkogt.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 24 november. Het tjalkschip de VROUW PIETERTJE, kapt. C. Wolters, komende van Hamburg, beladen met stukgoederen, gedestineerd naar Amsterdam, is den 21 november alhier binnengekomen door contrariewind (opm: tegenwind).
Den 22 dito zijn alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeven, en het smakschip de VROUW HENDRIKA, kapt. Jan Bruins, beiden met hout van Noorwegen.
Den 23 dito zijn alhier binnen gekomen het galjootschip EENIGHEID, kapt. John Carseboom, het tjalkschip de VROUW WICHERDINA, kapt. A.E. Oldenburger, met stukgoederen van Dantzig (opm: Gdansk), terwijl het kofschip de VROUW LISIA, kapt. Roelof H. Alberts, met hout van Statien (opm: Stettin, thans Sczcecin) naar Bordeaux gedestineerd, alhier met zware lekkagie is binnen gekomen.


  LC - Leeuwarder Courant

Workum, 17 november. Den 14 november is van hier uitgezeild het bunschip de VROUW DIEUWKE, kapt. G.A. Dijkstra, met aal naar Londen.
Den 16 dito zijn alhier binnen gekomen het aalschip de VIER GEBROEDERS, kapt. G.J. Nieuwland, het bunschip de ZILVEREN AAL, kapt. J.A. Bruinsma, en het aalschip de JONGE JAN, alle drie ledigscheeps van Londen.


26 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 november. Het schip de VROUW ANNAGINA, Postema (opm: smak VROUW ANNEGINA, kapt. Jan Jans Postema), van Groningen naar Sunderland, was den 15 dezer bij Sunderland overzeild door de NESTOR, Atkinson; de equipagie is gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 november. Het schip THE AMERICA, van Amsterdam naar Rio Janeiro, is op St. Nicolaas (opm: Sao Nicolau, één der Kaap Verdische Eilanden) verongelukt; de eigendommen waren door de Gouverneur in bezit genomen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 november. De NOOITGEDAGT, Romijns, van Ostende naar Londen, met koren, is gestrand op de Forenefs-rots (opm: waarschijnlijk wordt een rots nabij Foreness Point bedoeld) en zit nog vast; hetzelve schijnt zijn roer verloren te hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 24 november. Kaptein C. Stibolt, voerende het schip MARIA, van Dramme (opm: Drammen) in Texel binnen, meldt van het Nieuwe Diep, dat hij op zijn reis door een zware bui is overvallen en daardoor genoodzaakt geweest om enige zeilen te kappen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 25 november. Van Batavia wordt van den 4 juli gemeld: Zr.Ms. schip van oorlog NASSAU is dezer dagen mede van de Molukken op Java aangekomen, en ligt thans met Zr.Ms. schip TROMP ter dezer rede.
Het fregat WILHELMINA, hetwelk Padang, op de westkust van Sumatra, in bezit zoude nemen, is van Bencoolen (opm: Bengkulu, bij Padang) terug gekomen. Men verzekert, dat de schepen EVERTZEN (opm: ADMIRAAL EVERTSEN), NASSAU en PRINS FREDRIK, en het fregat MARIA REIGERSBERGEN, tegen het einde van het jaar naar het vaderland terugkeren.
De koopvaardijschepen de HOOP en de VROUW MARIA zijn dezer dagen naar Japan gezeild.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 20 november. Kaptein Rofs van het (opm: Engelse) ontdekkingsschip de ISABELLA, is sedert enige dagen te Londen, en heeft verscheiden maal bijeenkomsten gehad met de Lords en secretarissen der Admiraliteit.
Omtrent de Noordpool-expeditie vindt men in de nieuwspapieren nog deze bijzonderheden:
Sedert de dagtekening van de eerste berigten der expeditie tot den 25 juli, op welke tijd zij op 75 gr. 21 min. breedte (opm: Noord) en 60 gr. 30 min. lengte (opm: West) was, helderde het weer op, en de variatie der kompasnaald nam zodanig toe, dat het moeilijk was juist te herkennen werwaard het schip stuurde. De zee, met uitzondering van enige klompen of bergen ijs, geheel open zijnde, kwamen zij tot 76 en 1 half gr. (opm: Noord) waar zij onverwacht in hun vaart naar het noorden gestuit werden door een vast land (opm: nabij Cape York, Westkust van Groenland), waar zij een nieuw ras van Esquimaux vonden, die tot hun grote verbazing schenen nimmer te voren schepen gezien te hebben. Zij waren eerst zeer verschrikt en maakten tekenen aan de schepen om zich te verwijderen, zich verbeeldende dat het grote roofvogels waren, die uit de maan waren gedaald om hen te vernielen. Ondertussen kwamen enigen der stoutmoedigsten aan boord en betuigden hun schrik en tevens hun verwondering; zij hielden zich aan de masten vast, baden de Engelsen met koddige gebaren als hogere wezens aan, en barstten nu en dan in een schaterend gelach uit. Zij konden de Esquimaux, die kaptein Rofs bij zich had, niet verstaan, hoezeer zij van dezelfde oorsprong schenen te zijn, daar hun gelaatstrekken dezelfde waren, doch hun kleur was een weinig donkerder. Over het algemeen schenen zij meerder gelijk te hebben met de bewoners van Kamchatka of van het uiterste Noordoosten van Aziën, wat hun spraak en manieren aangaat. Zij reizen op sleden, die door honden getrokken worden, en men zag er enige dus noordwaards trekken. Zij hadden messen, maar men vermoedt, van ruw ijzer gemaakt, hetgeen misschien in het vervolg een voorbeeld van handel zoude kunnen worden met de inboorlingen van deze tot nog toe onbekende streken. Zij bedienen zich van de horens van de zee-eenhoorn om kleine walvissen te doden. Dus heeft men aan het uiterste einde van deze ontzachlijke baai, die men tot heden geloofde van met de zee van de Pool gemeenschap te hebben, een nieuw ras van mensen gevonden, en voor altijd moet men het denkbeeld laten varen, om tot de Pool te geraken, of tot in de Stille Zee door te dringen, langs de Straat Behring, door deze veronderstelde weg. De ISABELLA en de ALEXANDER hebben de gehele baai (opm: Baffin Bay) doorkruist; zijnde langs de Oostkust opgezeild en langs de Westkust terug gekomen, en hebben dus bevonden, dat dit gehele onbekende land, van Kaap Farewell (opm: Kap Farvel, Zuidpunt van Groenland) tot aan Kaap Walsingbaai van Davis (opm: waarschijnlijk nabij Thule) aan het vasteland van Amerika gehecht is. Na alles is misschien nog waar, hetgeen de Esquimaux van het Zuiden verzekeren, dat er in het Noorden een nauwe en snelle rivier is, die met de Pool-zee gemeenschap kan hebben. In de baai hebben de zeelieden een groot aantal walvissen gezien, van welke ontdekking mooglijk de vissers in het volgend jaargetijde gebruik zullen maken.


28 november 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 november. In het Vlie binnengekomen J.H. van der Laan, van Koningsbergen (opm: Kaliningrad), binnen met lekkagie en verlies van anker en touw; gaat naar Harlingen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een hecht en sterk eiken Brigantijnschip, groot 125 lasten, met een goede inventaris voorzien; adres bij Hudig Blokhuyzen en Van der Eb te Rotterdam. (opm: deze advertentie werd in RC 121218 opnieuw geplaatst)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een extra snel zeilend, in Engeland gebouwd, eiken Fregatschip, met koperen bouten en een koperen huid, groot 694 tonnen, en van een goede inventaris voorzien; is in 1817 alhier zwaar vertimmerd, opnieuw gedubbeld en een geheel nieuwe koperen huid omgelegd, en kan zonder enige reparatie naar zee gaan.
Adres bij de makelaar T. van Olivier, en bij Van Olivier en d’Arnaud en Comp, te Amsterdam. (opm: in RC 121218 verscheen deze advertentie opnieuw)


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. Vracht en passage naar Rotterdam per schip de VREDE, van Dordrecht, kapt. Jan Slijk, groot 180 lasten, te zeilen in de loop van de maand december aanstaande.
Adres ten kantore van de heren van Rijck & Prediger.
Batavia, den 21 november 1818.


30 november 1818


 STR - Sont Toll Register

Kapt. G.A. Normann (kapt. G.H. Noorman, HENRIETTA), Amsterdam, passeert de Sont, onderweg van Dantzig naar Harlingen.


01 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 november. De couranten van Nieuw Zuid-Wallis (opm: New South Wales, Australië) melden, dat kaptein Hammant een klein eiland ontdekt heeft, op 38 gr. 27 min. zuiderbreedte en 127 gr. oosterlengte, op den 6 juli des morgens ten 9 uren. De kaptein had er uit hoofde van de branding niet kunnen landen, doch geen bewoners op de kust gezien. Die zelfde dag was hij het eiland Kangaroo, dat van daar zeven mijlen verwijderd is, voorbijgezeild.
(opm: vanaf de opgegeven positie is het ruim 480 mijl tot Kangaroo island; positie in het bericht klopt niet).


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 november. Laatstleden woensdag (opm: 25 november) is bij Yarmouth verongelukt het schip VIGILANTIE, Arndt (opm: kapt. Rinse Harmens Smits), van Harlingen naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 november. Volgens een brief van Eierland, van den 26 november, was die ochtend aldaar gestrand het Pruisisch Galjasschip MERCURIUS, kapt. J.H. Bergman, met teer en zeildoek, van Stralsund naar Lissabon; één man van de equipagie was daarbij omgekomen; men was reeds bezig met het bergen van een gedeelte der lading, waarvan men zo veel mogelijk zou trachten te behouden; het schip is daarna totaal verbrijzeld.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 november. Van Helgoland wordt van den 19 november gemeld, dat men aldaar gevonden had een stuk hout, behoord hebbende tot het hek van een klein vaartuig, waarop aan de binnenzijde stond DE JONGE OTTO. (opm: zie RC 081218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J. Tentye, J.H. Schäffer, J.H.A. Balwé en H. Smit, makelaars, zullen, op maandag den 7 december 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: het Pinkschips-hol, genaamd NADESCHDA, alsmede een partij scheeps-gereedschappen, bestaande in ankers, touwen, zeilen, rondhouten, enz; liggende als nader bij notitie zal worden aangewezen. Nader bericht bij de makelaars en bij J.W. Boekhout.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een in Holland gebouwd tjalkschip, de VROUW JOHANNA, groot ca. 50 haverlasten, met behoorlijke inventaris.
Nadere informatie te bekomen bij F.A. Lampen, makelaar te Leer.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 30 november. Den 27 november zijn van hier uitgezeild het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hielke W. Overmeer, met granen naar Hull, en het tjalkschip de VROUW ZWAANTJE, kapt. T.H. Draijer, met hout naar Amsterdam, laatst van Hamburg.
Den 29 dito zijn alhier binnen gekomen het smakschip CATHARINA, kapt. Berend S. Beijen, met hout van Noorwegen, en het kofschip NEPTHUNUS, kapt. Harmanus Harmens, met ballast van Hull.


03 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 december. Berigten van New-York, in dato 7 november, melden, dat in de Bermudes (opm: Bermuda), met verlies van alle de topmasten en sparren, was binnengelopen de Hollandse brik de HOOP, kaptein Hendrik Lieuwes, van Berbice (opm: rivier in Guyana, Zuid-Amerika) naar Amsterdam gedestineerd; de lading was zodanig beschadigd, dat men veronderstelde dat de 350.000 pond koffij, waaruit dezelve bestond, geheel verloren zoude zijn. (opm: zie RC zie RC 14118 en 241218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 1 december. In een brief van Stettin (opm: Szczecin) van den 19 november, wordt gemeld, dat het schip de DRIE GEBROEDERS, kaptein P.J. Karst, van Amsterdam naar Stettin (opm: Szczecin) gedestineerd, tot digt bij de rede van Swinemünde (opm: Swinousjcie) aangekomen zijnde, aldaar aan de grond gestoten had, waardoor de goederen veel geleden zouden hebben, en verscheiden vaten siroop geheel ledig zouden gelopen zijn.


  DC - Dordtsche Courant

Hamburg, 26 november. Voor enige dagen geraakte op de Oostvriesche kust, tussen de eilanden Baltrum en Langeroge, een schip, van London naar Bremen bestemd en met koffij, peper, enz, geladen, op een bank vast. De Engelse kapitein accordeerde met enige Blankenezer schippers wegens het lichten en weer vlot maken van zijn schip. Dienvolgens werden vele der Blankenezer platte vaartuigen met de goederen beladen; dan, terwijl men daarmede bezig was, kwamen ook, ongeroepen, van de kant des koninklijken ambts Esens, enige schepen toeschieten, om de lading, welke de regering van dat ambt begreep dat aan het strand vervallen was, over te nemen en te bergen. Door de Engelse kapitein, die meende, door middel der aangenomen hulp, wederom vlot te zullen raken echter afgewezen, wendden zij zich tot de Blankenezer schippers, zochten daarmede onenigheid, en keerden daarop naar land terug, maar om spoedig, met enige door de regering te Esens gerequireerde soldaten, weder te keren, die op de bezig zijnde schippers vuur gaven, waardoor verscheidene derzelven gedood of gewond werden, terwijl alle overige, ten getale van 22, gevangen genomen en aan land gebracht werden. Door deze gewelddadige handelwijze is tevens een groot gedeelte der op 80.000 rijksdaalders geschatte lading verloren geraakt.


  DC - Dordtsche Courant

Rotterdam, 30 november. Zaterdag namiddag (opm: 28 november), is alhier van stapel gelopen Zr. Ms. korvet van oorlog, de KOMEET, geboord voor twintig stukken.


  DC - Dordtsche Courant

Advertentie. Uit de hand te koop: een extra snelzeilend, in Engeland gebouwd, eiken Fregatschip, met koperen bouten en koperen huid, groot 694 tonnen, en van een goeden inventaris voorzien, en is in 1817 alhier zwaar vertimmerd, op nieuw gedubbeld en een geheel nieuwe koperen huid omgelegd; kan zonder enige reparatie naar zee gaan.
Adres bij de Makelaar T. van Olivier en bij Van Olivier & d’ Arnaud & Comp., te Amsterdam.


04 december 1818


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 3 december. Den 2 december is alhier binnen gekomen het galjootschip JUPITER, kapt. Barend R. van Wijk, met hout van Noorwegen.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: een schuite-schip met toebehoren bij Scheepstimmerbaas Cornelis Hotzes van der Werff, buiten de Oosterpoort te Sneek, waar het schip ligt.


05 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Petersburg, 11 november. De toevoer van goud en zilver is van alle kanten zo aanmerkelijk (zijnde er zelfs onlangs van Calais twee schepen aangekomen), dat de bank voor het eerst tot de eerste maart en voor het laatst tot de eerste juni bezet is, en dus het verder ingekomen geld op een andere wijze moet worden gebruikt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Te Marseille is gearriveerd J.J. Doeksen (opm: galjoot MARIA CATHARINA) en te Lissabon P. van Rijn (opm: brik MERCUUR) en J.E. Gust (opm: TEELKINA BOLTE) van Rotterdam.


08 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 december. Volgens een brief van Wishaven (opm: Wischhafen, dorpje aan de Elbe), van den 24 november, is in de nacht tussen den 9 en 10 dito (opm: november), op de Oostfriese kust totaal verongelukt het schip de JONGE OTTO, kaptein E.O. Braams (opm: buitenlander), van Wishaven naar Amsterdam; het volk was gered en te Hoekzijl (opm: Hooksiel) aangekomen. (opm: zie RC 011218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 6 december. In de nacht tussen 17 en 18 november is, niet ver van Robbeknud (opm: mogelijk Rubjerg Knude, 10 mijl zuidwest van Hirtshals), op de Jutse kust, gestrand het schip EMANUEL, kaptein E.H. Kratz (opm: buitenlander), van Bordeaux naar Koppenhagen (opm: Kopenhagen); het volk is gered en men zou trachten, zo veel mogelijk, van de lading te bergen, doch het schip zal denkelijk weg zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 7 december. Den 4 zeilde uit de Maas het schip AURORA, kapt. Thomson (opm: schoenerbrik, kapt. Andreas Thomsen), naar Cuba.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Ten overstaan van de griffier J. Veenhoven, Hz. zal op woensdag 23 december 1818, des namiddags precies te 2 uren, ten huize van de kastelein J. van Dijken, publiek worden verkocht: een Smakschip, groot ongeveer 46 roggelasten, met zeilen, ankers, touwwerk en verder opgoed, exempt (opm: uitgezonderd) het koksgereedschap, zoals door de schipper Jan Jans Boon in den jare 1809 nieuw uitgehaald en tot heden door den zelve bevaren is. Liggende in de Noorderhaven te Groningen alwaar hetzelve dagelijks kan worden bezichtigd, bij de zeilmaker W. Westerborg, aldaar.
Iemand hetzelve uit de hand willen kopen, vervoege zich inmiddels bij genoemde schipper Jan Jans Boon op de Ommelanderwijk, onder Veendam.
J. Veenhove Hz. griffier


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 7 december. Den 4 december is alhier binnen gelopen het kofschip ZEELUST, kapt. Albert Sluik, met hout van Noorwegen.
Den 5 dito zijn alhier binnen gelopen het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. J.L. Pinksterboer, met ballast van Londen, en het smakschip de GOEDE INTENTIE, kapt. Feike J. van der Veen, ledig van Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Workum, 4 december. Alhier is den 1 december binnen gekomen het smakschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jan W. Overmeer, met hout van Christiansand (opm: Kristiansand), en den 3 dito het schip de VROUW MARIA, kapt. J.A. Koch, met teer van Bremen.


10 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Zierikzee, 4 december. Heden morgen arriveerde alhier de tweede vissloep, ten dienste van onze nieuwe visserij, genaamd de ZEEUWSCHE VISSCHERIJ, komende van Maassluis, en aldaar gebouwd door de scheepsbouwmeester Ewoud van der Hoog; zo dat wij thans reeds twee onzer nieuwe visschepen in onze haven hebben.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 8 december. Volgens een brief van Pillau (opm: Baltiysk), van den 26 november, was twee mijlen van daar, bij het dorp Sanglinen, gestrand het schip SAMSON, kapt. M.C. de Boer, van Amsterdam naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad); het volk was gered en een gedeelte van de inventaris geborgen, doch men wist nog niet of het schip weder aftebrengen zou zijn. (opm: zie RC 151218)


11 december 1818


 LCO - Leydsche Courant

Amsterdam. Den 27 november was op de hoogte van Dartmouth de MARIANNE (opm: brik), kapt. J. Visser, van hier naar Surinamen.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 11 december. Den 10 dezer is alhier binnen gekomen het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Janssen, met hout van Noorwegen.


12 december 1818


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie. For sale one-third share of the remarkably fast-sailing brig FANNY, as she now lies in Batavia roads. Burthen per register 119 tons, but she is capable of carrying much more. For further particulars apply at the office of Messrs. Skelton & Co.


  BC - Bataviasche Courant

Advertentie To be sold by public auction, at Rembang and Lassam (opm: Lasem, 06 43 Z 111 26 O), on the 15th February 1819, to close a concern in account with the late mr. Peter Ness, viz, a quantity of timber, a brig of 80 tons burthen, frames for a ship of 250 tons burthen, frames for a schooner of 60 tons burthen, several boats and prows, some marine stores, and sundry other articles.
For further particulars apply to A.E. Soesman, at Batavia, or to John Dixon, at Rembang.
Batavia, 12th December 1818.


15 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. Volgens een brief van Pillau (opm: Baltyisk), van den 30 november, was het schip SAMSON, kaptein M.C. de Boer, van Amsterdam naar Koningsbergen (opm: Kaliningrad) gedestineerd, vol water en zou dus niet weder aftebrengen zijn, waarom het te dier plaatse publiek verkocht zoude worden; de geborgen inventaris zou naar Pillau gebragt en aldaar mede verkocht worden. (opm: zie RC 101218)


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. De schepen HOOP EN VREES, kaptein Y.P. Pibes, van Bordeaux, en AURORA, kaptein H. Köhne, van Pillau (opm: Baltyisk), beiden te Amsterdam gearriveerd, hebben in de binnengronden anker en touw verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. Den 11 december is voor Amsterdam aangekomen het schip de VROUW JANTINA, kaptein C. Menzens, met stukgoederen van Hamburg naar Dordrecht, laatst van Delfzijl.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 13 december. In de Geest (opm: waarschijnlijk Geeste, zijrivier van de Wezer, nabij Bremerhaven) is, wegens averij, binnengelopen het schip de VROUW CHRISTINA, kaptein J.B. Bondrager, van Oostrisoer naar Harlingen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 december. Het brikschip ELISABETH EN ANNA, kaptein W. Trippensé, is den 26 oktober laatstleden te Pernambuck van Surinamen gearriveerd; hebbende een anker, touw en steng verloren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 december. In een brief van Bengalen, van den 18 mei 1818, wordt gemeld: het enige Nederlandse schip, dat, sedert de AMALIA, hier is aangekomen, was de DELPHINA, kaptein Whitram (opm: kapt. Jacob Fredrik Witteveen), den 4 november 1817 van Amsterdam vertrokken, en alhier den 6 mei 1818 gearriveerd.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. Herman Trip, openbaar notaris, residerende te Groningen, is voornemens op maandag 28 december 1818, des avonds te 7 uren, ten huize van de logementhouder L. van der Molen, aan de Grote Markt, te Groningen, publiek te verkopen: een welbevaren Smakschip, genaamd de FORTUIN, zijnde lang over de stevens 74 voet en 6 duim, wijd over de berghouten 16 voet en 10 duim, hol op zijn uitwatering 7 voet en 7 duim, met al deszelfs ankers, touwwerk, stuurmans- timmer- en koksgereedschappen, invoege in de verkoopbilletten, thans geëxprimeerd (opm: tot uitdrukking gebracht), wordende bevaren door schipper Jacob Jans Smit en liggende thans in de Noorderhaven, te Groningen, alwaar gemeld schip en toebehoren dagelijks in ogenschijn kan worden genomen. Om binnen 8 dagen na de verkoop te aanvaarden.
Mr. H. Trip, notaris procureur


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 10 december. Alhier is heden met zware lekkagie binnen gekomen het tjalkschip HOFFNUNG, kapt. Heere T. Taaks, met granen beladen van Harlinger Zijl ( opm: Harlingersiel) naar Londen gedestineerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 14 december. De 12e dezer is alhier binnen gekomen het kofschip JACOBA CATHARINA, kapt. Aijke E. Nijhoff (opm: ook Aeyke Entes Niehoff), ledig van de Lemmer, en den 13 is van hier uitgezeild het smakschip de VIGELANTIE, kapt. Teeke J. van der Veer, met granen naar Londen gedestineerd.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Te koop: turfschuitehol, leggende aan de helling van Ofke Fekkes Poelstra, scheepstimmerbaas, op de Koningsbuur onder Midlum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De provisionele deurwaarder J.A. Nijsloot zal op donderdag den 17 december 1818, des nademiddags ten 2 uren, ten huize van de weduwe Anne Hylkes van der Werf , kasteleinse te Dockum, bij strijk- en verhooggeld verkopen: een Schuiteschip, genaamd BLY VOORUITZIGT, lang 48 voeten, wijd en hol na advenant, met de daarbij behorende goederen volgens inventaris, liggende aan de werf van Harmen Vink, scheepstimmerbaas te Dockum, en zulks uit kracht van een vonnis, gewezen bij de Rechtbank van Koophandel, ten voordele van Tryntje Jans Kok, voorheel huisvrouw van Jan Wybes, schipper te Augustinusga, thans hertrouwd aan Pieter Wybrens van der Meulen, schipper te Kootstertille, en met dezelve gesterkt, en ten laste van Emke Douwes Noordenbos, schipper, woonachtig geweest te Holwerd, doch thans wonende in zijn schip. Van den 22 oktober 1818, behoorlijk geregistreerd.


17 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 11 december. Den 8 dezer is te Ramsgate binnengelopen het schip de ZEEVRUCHT, J. Overgauw, van Rotterdam naar Port-Mahon. (opm: er zijn verscheidene havens van deze naam; derhalve kan de juiste bestemming niet worden aangegeven)


 JAG - Journal des petites Affiches de Gand

Antwerpen, 15 december. Aangekomen het Hollandse schip THEODORE, kapt. Argo Wollegraaff (opm: Zuid-Nederlandse kof, kapt. Ary Molegraaf), van Liverpool, aan het adres van M. Bisschop Basteyns, lading zout; het Hollandse schip de GOEDE HOOP, kapt. De Jong, van Nantes bestemd voor Brussel; wijn.
Vertrokken het Belgische schip les DEUX FRĖRES, kapt. Boye Quedens, naar Londen met tarwe; het Hollandse schip de GOEDE VERWAGTING, kapt. J.H. Heins, met tarwe, lijnzaad en vlas; het Belgische schip HORTENSE, kapt. Broder Arfsten, naar Liverpool met tarwe, duivenbonen, boekweit en wol; het Hollandse schip GEZINA, kapt. C. Taay, naar Southampton met gerst.


18 december 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. Gerhard Jacob Keiser, openbaar notaris ter residentie van Groningen, zal in de loop van de maand januarij1819, dag en plaats nader te bepalen, publiek te koop presenteren: een welbezeild en voor korte jaren nieuw uitgehaald Smakschip, de KOOPHANDEL genaamd, laatst bevaren door kapitein Krijn Hoogland, groot ongeveer 41 roggelasten, liggend thans in de Noorderhaven te Groningen.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Ten overstaan van Mr. Willem Jan Quintus, advocaat en openbaar notaris te Groningen zal op woensdag 23 december 1818, des avonds te 7 uren, ten huize van de kastelein H.B. Douwes, bij het Kleine Poortje, alwaar de karper uithangt, publiek worden verkocht: een welbevaren Kofschip, groot plusminus 100 roggelasten, genaamd de VROUW ALIDA, in het jaar 1810 nieuw gebouwd, gevoerd door kapitein Ibe Jans Schelts, liggende thans bij de Kijk in ‘t Jatboog te Groningen en zulks met zeil en treil, ankers, touwen en koksgereedschappen, breder in de aanslagbilletten omschreven.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. S. Piccardt, notaris ter Pekel-A, zal ter instantie van zijn principalen, publiek bij strijk- en opbodsgeld aan de meestbiedende te koop presenteren: een welbevaren Kofschip, genaamd de VROUW JANTINA ENGELINA (opm: JANTINA ENGELINA), groot plusminus 75 roggelasten, in de jare 1803 ter Pekel-A nieuw uitgehaald, met staand en lopend want en annexen, volgens inventaris zoals laatst door Jan W. de Grooth, als schipper is bevaren, onder directie van de heer P.J. Huisinga, liggende thans in de Wiel, te Amsterdam. (opm: op 13 januari 1819 onderhands voor NLG 4.750 verkocht aan kapt. Harm Koops, nieuwe scheepsnaam REINA)
Deze verkoop zal zijn op dinsdag 29 december 1818, des avonds te 6 uren ten huize van H. J. Middel, ter Oude Pekel-A.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Verkoping van een tjalkschip. Men presenteert uit de hand te verkopen: een zo goed als nieuw Tjalkschip, lang over steven 50 voet, wijd 10¾ voet, en hol na rato, met al het daarbij behorende staand en lopend want, zeil en treil en verdere scheepsgoederen, tot koksgereedschappen inkluis, zodanig en in dier voege als hetzelve laatst door Jan Freerks Kamst is bevaren. De gegadigden kunnen zich vervoegen bij de eigenaar F.J. Kamst, veenbaas te Luxwold, of om nadere inlichting bij G.T. de Jongh, notaris te Gorredijk.


  LC - Leeuwarder Courant

Harlingen, 17 december. Den 13 december zijn hier binnen gekomen de smakschepen de VROUW SWAANTJE, kapt. Jan C. Hasewinkel, en de GOEDE HOOP, kapt. Dirk Busker, beide met ballast van Londen.
Den 14 dito is alhier binnen gekomen het kofschip HOOP EN VREES, kapt. J.P. Piebes, ledig van Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Workum, 14 december. Den 11 december is alhier binnen gekomen de palingschuit de TWEE JONGVROUWEN, kapt. M.P. van der Zee, ledig van Londen.
Den 13 dito is alhier binnen gekomen het kofschip de CONCORDIA, kapt. J.D. Zijlstra, ledig van Amsterdam.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G. Keuchenius presenteert publiek bij strijk- en verhooggeld aan de meestbiedenden te verkopen: een eenmast Schuiteschip, de DRIE GEBROEDERS genaamd, lang over steven 44 voet, wijd en hol naar advenant, met zeil en treil, staand en lopend want, haken, bomen, koksgereedschap en verdere annexen, zijnde in den jare 1811 nieuw uitgehaald, invoege thans door de eigenaar Iede Douwes de Jong bevaren wordt, en voor deszelfs wal te Hindelopen is liggende, kunnende ook op de dag der verkoping, ingevalle het dan nog open water is, bij de kettingbrug te Workum door een ieder worden bezichtigd. Wie hier aan gading heeft, kome op vrijdag den 8 januari 1819 , des nademiddags ten 2 uren, ten huize van de kastelein De Vreze, in de herberg onder het raadhuis te Workum.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. Notaris Steenbeek verkoopt: scheeptimmerhelling etc. aan het Var, eigenaar Paulus Klaases Hagedoorn.


19 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 17 december. Den 9 december is van Cowes vertrokken het aldaar binnengelopen schip CLARA, kapt W. Stent, van Rotterdam naar Batavia.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. J.H. de Witt, J. van Ouwerkerk de Vries, T. van Olivier en J.E. Lublink, makelaars, zullen, op maandag den 21 december 1818, des avonds ten 6 uren, te Amsterdam, in het Nieuwezijds Heeren-Logement, verkopen: een extraordinair wel bezeild Kofschip, genaamd ANNA MARIA, gevoerd door schipper D.G. Romijns, lang 91 voet 7 duim, wijd 21 voet 8 duim, hol 10 voet 6 duim, alles Amsterdamse maat; breder bij de inventaris en berigt bij de makelaars.


  BC - Bataviasche Courant

Batavia, 18 december. Op den 16 dezer is een nieuw schip van tussen de 400 en 500 ton van de werf te Bantjar van stapel gelopen, in schoonheid en volmaakte scheepsbouwkunde met enig schip tot nu toe beoosten de Kaap de Goede Hoop gebouwd, gelijk staande.
De bouworde is door de heer A. Dring, wiens kunde in dit vak algemeen bekend is, opgegeven, en de heer A.J. Waller, heeft dezelve ten uitvoer gebracht op een wijze welke zijn bekwaamheid als scheepsbouwer ten volle kenschets. Wij vernemen dat het schip de naam van Zijne Excellentie Buijskes, zal ontvangen. Wanneer men in aanmerking neemt het groot aanbelang in de bevordering van de zeevaart in deze zeeën gelegen, en het nut, het welk van Java's uitgestrekte houtbossen kan worden getrokken, moet men zich verwonderen dat zo weinig grote schepen tot nog toe op dit eiland gebouwd zijn.


22 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 december. Een Spaans transport-schip, dat 300 Russen aan boord had, die een gedeelte uitgemaakt hadden van de manschap der drie laatste aan Spanje gezonden fregatten (opm: zie RC 071118), is bij Skagen, op de kust van Jutland, vergaan; doch alle deze zeelieden, behalve twee officieren en zestien man, zijn gered.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 21 december. In een brief van Curaçao van den 14 oktober leest men het volgende: De ziekte welke op enige schepen in deze haven geheerst heeft, onder anderen op de oorlogsbrik de ZWALUW en op het fregat de EURIDICE, en waarvan zeer vele zeelieden het slagtoffer geworden zijn, schijnt thans geheel op te houden. Deze ziekte had echter niemand, die aan wal woonde, aangetast, en de oorzaak van dezelve is niet regt bekend, doch is waarschijnlijk in de gesteldheid der lucht te zoeken, welke thans door een zwaar onweder van donder en regen, hetwelk voor enige dagen alhier heeft plaatsgehad, gezuiverd is.


 MCO - Middelburgsche Courant

Vlissingen, 19 december. Den 15 en 16 dezer is van Antwerpen de Schelde afgekomen en naar zee gezeild: ORANJE BOVEN (opm: smak), kapt. J.E. Melcherts, met erwten en bonen, naar Londen.


24 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Nicolaus Montauban van Swijndregt, Hubertus Montauban van Swijndrecht en Fredrik van Dam, makelaars te Rotterdam, als lasthebbenden van hun Principalen, en geauthoriseerd door de Regtbank van Koophandel, en na gedane aangifte bij de ontvanger der Registratie, zijn van mening, op dinsdag den 5 januari 1819, des namiddags ten 4 uren, in het Logement Het Badhuis, in de Boompjes, publiek te verkopen: het Tweedeks Fregatschip, ARMINIUS, gevoerd door kaptein James Gibson, lang over steven 117 voeten 6 duimen, wijd, binnen de huid, 34 voeten, hol, in het ruim, 16 voeten 7 duim, hoog, tussen deks, 6 voeten 7 duimen; alles Amsterdamse maat; met deszelfs zeer complete inventaris, ammunitie en verder toebehoren, zoals hetzelve zal zijn liggende bij het Oudehoofd, en daags vóór en op de dag der veiling door een ieder kan bezichtigd worden.
N.B. Het voorschreve Fregat is een zeer fraai bij uitstek wel te zamen gesteld deugdzaam en zeer snelzeilend schip. In den jare 1808, in Whitehaven, in Engeland, nieuw uitgehaald, gekoperd en tot zo ver geballast ligt, tot daartoe met koperen bouten vastgemaakt en voorzien van ijzeren kniën; geboord voor 24 stukken geschut, met een gerezen kajuit. In den jare 1816 te Liverpool met zwaar koper nieuw herkoperd, en gaat beladen 16 en 1 half à 17 voeten diep.
Iemand nader onderrigting begerende, spreke de bovengemelde makelaars.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Te Terschelling is binnengekomen O. Alfing, van Dramme (opm: Drammen); dezelve heeft, volgens particulier berigt, te Krageroe binnen geweest, met averij, en sedert, uit hoofde van stormweer, een gedeelte van de last over boord geworpen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Te Neustadt (opm: waarschijnlijk Neustadt-in-Holstein, 8mijl noord van Travemünde) is binnengelopen het schip de JONKVROUW BOKIN, kaptein V. Meeuwes, van Memel (opm: Klaipeda) naar Amsterdam; hetzelve had, in de nacht tussen 10 en 11 december, door zware storm uit het N.O. een lek bekomen; het moet lossen om te repareren.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Van kapt. Hend. Lieuwes, voerende het schip de HOOP, van Berbice (opm: rivier in Guyana, Zuid-Amerika) naar Amsterdam gedestineerd, heeft men thans eigenhandige brieven, waarin hij meldt den 13 oktober in de Bermuda te zijn aangekomen (opm: zie RC 031218), alwaar de lading, voor zoverre dezelve niet was bedorven, opgeslagen en het overige, op hoge order, buiten de rotsen in zee geworpen was; de beschadigde koffij werd verkocht en hij was bezig het schip te repareren; voorts schrijft hij, ten aanzien der uitwerkselen van de door hun doorgestane orkaan, dat hij een schip vol water had ontmoet, en vier anderen te Bermuda waren binnen gebragt, waarvan twee het onderste boven; alsmede, dat door een Amerikaanse sloep in zee opgevist waren elf man, die van den 27 september tot den 14 oktober in een boot gedreven hadden; dezelven behoorden tot het schip CATHARINA, van Philadelphia, hetwelk op 38 gr. breedte en 52 min. lengte (opm: hier zal bedoeld zijn 38º N.B. 52º W.L.) gezonken was.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Volgens een brief van Londen, van den 18 december, was het schip de TWEE GEZUSTERS, kaptein M.B. Eefting, van Amsterdam derwaarts gedestineerd, met gebroken boegspriet en verlies van zeilen, te Harwich binnengelopen, doch zou reeds die ochtend van deszelfs schade hersteld zijn.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Te Rye is wegen contrariewind binnengelopen het schip ELBERDINA, kaptein J.H. Bakker, van Rouaan (opm: Rouen) naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Den 16 december is te Portsmouth binnengelopen het schip de GOEDE HOOP, kaptein J.H. Schuring, van Edam naar Lissabon.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Den 10 december zijn van Dartmouth vertrokken de schepen AURORA, kaptein A. Bakker, van Amsterdam naar Demerarij; de KOOPHANDEL, A. Schaap, van Edam naar Lissabon; de GERMANICUS, Kleine, van Bremen naar Havana.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 22 december. Den 21 november is te Gibraltar binnengelopen het schip de JONGE MARIA, M. Schaap, van Amsterdam naar Triëst.


25 december 1818


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. S. Piccardt, notaris ter Pekel-A, zal ter instantie van zijn principalen, bij publieke veiling, te koop presenteren op zaterdag 9 januarij 1819, des avonds 6 uren, in de Blauwe Luif, ter Pekel-A: het kofschip de ZEELUST, gevoerd wordende door kapitein Jannes C. Lukas, groot plusminus 60 roggelasten, in 1806 ter Pekel-A nieuw uitgehaald en thans liggende te Antwerpen.
En op maandag de elfde daaropvolgend, des avonds te 6 uren, mede te huize voornoemd, het kofschip die GUTE HOFFNUNG, door kapitein Daniel Frederik Moldenhauer laatst bevaren, groot plusminus 70 roggelasten, in 1804 ter Pekel-A nieuw uitgehaald, mede te Antwerpen liggende. Alles met zeilen, ankers en annexen, zoals laatst uit zee gekomen is en volgens inventaris ten verkoophuize in te zien is.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Advertentie. Mr. Berghuis van Woortman, openbaar notaris in het canton Veendam, zal namens zijn principalen op woensdag 6 januari 1819 des avonds te 6 uren verkopen: een welbevaren Smakschip, genaamd de ONDERNEMING, in de jaren 1806 nieuw uitgehaald, groot ca. 60 roggelasten, met zeilen, ankers, touwen, staand- en lopend want, stuurmans- en koksgereedschappen, wordende bevaren door Tjakke J. Hazewinkel en thans liggende op de Lemmer. Informatiën bij T.J. Hazewinkel te Wildervank.


26 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 22 december. Te Yarmouth is gearriveerd Kleij, van Antwerpen naar Bengalen, met een gebroken boegspriet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Londen, 22 december. Te Batavia 29 juli gearriveerd van Amsterdam Jonker, met een gebroken boegspriet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 26 december. Den 23 december is, uit hoofde van de ingevallen vorst, voor Amsterdam teruggekomen het schip VERHILDERSUM, kaptein J.C. Visser, naar Londen gedestineerd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 23 december. Den 24, des namiddags, zeilde uit Helvoetsluis Zr.Ms. Brik van Oorlog MERCUUR, kapitein-luitenant Pool. (opm: naar Texel)


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Een ieder zij gewaarschuwd geen crediet te geven noch iets te borgen aan de equipagie van het te Vlaardingen liggende Brikschip WILLEM DE EERSTE, kaptein C.J. Batten; zullende daarop, noch door hem noch door iemand anders, enige betaling geschieden.


29 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 december. Kaptein F. Sipkes, CORNELIA (opm: fregat), in 105 dagen van Batavia in Texel binnengekomen, is den 9 september van Batavia vertrokken en heeft die dag, tussen Qutang-Java en Middelburg, in goede staat gepraaid het Deense schip de INDISCHE PAKET, naar Batavia stevenende, en des avonds tussen de Kleine Combuis en Qutang-Java gezien een Nederlands schip, voerende een witte vlag, met een grote zwarte 4, zonder twijfel het schip SAMARANG, kapt. Jan Scholtijs, van Amsterdam naar Batavia.
Omtrent 6 mijlen boven St. Helena heeft hij een Engelse kruiser aan boord gehad, welke bevelhebber hem berigtte, dat daags tevoren op die rede was aangekomen het Nederlands schip WATERLOO (opm: driemaster, thuishaven Antwerpen, kapt. C.W. Hammar), van Batavia naar Antwerpen gedestineerd; hetzelve had op het Kaapse Rif zware schade aan het tuig bekomen; hebbende de boegspriet, bezaanmast en stengen verloren; de kaptein zou op gemelde rede, zo goed mooglijk, zijn tuigagie herstellen, om de reis voorttezetten.
Den 19 november passeerde voor hem over, op de noorderbreedte van 17 gr. 55 min, lengte 33 gr. 5 min. west van Greenwich, een Nederlands driemast schip, denkelijk PARAMARIBO, kapt. J.J.G. Jullens, van Amsterdam naar Surinamen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 27 december. In een brief van Calais, van den 19 december, wordt gemeld, dat die nacht aldaar op de kust verongelukt was het schip FORTUNA, kaptein N. Mooijekind (opm: bomschip, gebouwd < 1814, kapt. Nicolaas Mooijekindook RC 171018), van Amsterdam naar St. Valery-sur-Somme en Havre gedestineerd; de equipagie was ternaauwernood gered; doch het schip aan stukken en slechts van de lading zeer weinig geborgen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 december. Volgens ontvangene tijding van kaptein Arij Langerveldt, kommanderende het Nederlandse fregatschip ARINUS MARINUS, den 1 april laatstleden uit Helvoetsluis vertrokken, was hij den 1 augustus laatstleden behouden te Batavia aangekomen; het schip, passagiers en equipage waren in de beste staat; en er was op de reize slechts één matroos, die ziek aan boord gekomen was, overleden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 december. Van Zierikzee meldt men van den 22 dezer, dat, volgens berigt van Veere, kapt. Gerrit Heyneken, met de schooner MARS, hebbende 22 dagen reis van Lissabon, geladen met zout, fruiten en kurk, zondagavond (opm: 20 december) op Onrust vastgeraakt is; de fruiten waren in het schip van Jan van Boven geborgen; het zout meest gesmolten, en er werd gevreesd, dat er het schip niet af zoude kunnen gebragt worden.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 28 december. In een brief van Batavia, den 29 augustus, wordt (opm: onder andere) het volgende gemeld:
- Het is de politie gelukt, om een vaartuig aan te halen, waarop zich veertig Balinezen bevonden, welke bestemd waren, om, tegen de bestaande wetten, te worden ingevoerd en als slaven verkocht.
- Zr.Ms. schip van oorlog TROMP, kaptein luitenant Verveer, en Zr.Ms. fregat WILHELMINA, kaptein Dibbetz, zijn naar Malacca gezeild, aan boord hebbende de schout-bij-nacht Wolterbeek, benoemd om deze kolonie over te nemen, en de nieuwe gouverneur derzelve, de heer Timmerman Thyssen, alsmede een afdeling troepen. Zr.Ms. schip PRINS FREDERIK ligt ter rede van Batavia en Zr.Ms. schip NASSAU is naar Sourabaya gezeild.
- De Heer J.A. van Braam, commissaris tot de overneming van de Nederlandse bezittingen op de vaste kust van Indië (opm: India), is uit Bengale terug gekomen. Alle deze bezittingen, zo in Bengale (opm: Bangla Desh), als op de kust van Koromandel (opm: Coromandel, landstreek in Zuidoost-India), Tuttokoryen (opm: Tuticorin) en de factory van Suratte (opm: Surat, in noordwest India) zijn thans aan de Nederlandse Overheden overgegeven. Sadras (opm: bedoeld is Madras), op de kust van Koromandel, is den 31 maart laatstleden op een plegtige wijze weder in bezit genomen. Ten elf uren werd de Nederlandse vlag uit het huis van de Commissaris gehaald en op een olifant gebragt naar het bastion Oranje van het geslechte fort Gustavus, onder bedekking van Britse ruiterij, rijdende artillerie en de lijfwacht van de Gouverneur van Madras. Aldaar werden de akten van overgave getekend, de wederzijdse proclamatiën gelezen en de Britse vlag, onder een saluut van 21 schoten van Zijner Majesteits ter rede liggende brik PRINS VAN ORANJE, nedergehaald, en onder een gelijk saluut van de Britse rijdende artillerie door de Nederlandse vervangen; waarna de dag verder in gepaste vrolijkheid werd doorgebragt.


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Verkoping bij Regterlijk Gezag, van een Galjootschip, genaamd de VROUW FRANCINA, liggende in de Leuvehaven te Rotterdam, groot circa 60 rogge-lasten, lang over steven 69 voeten, wijd, bij de eerste balk voor het groot luik binnen de huid, 16 voeten 1 duim, hol, in het ruim op dezelfde plaats op zijn uitwatering, 6 voeten 8 duimen, alles Amsterdamse voeten, met al deszelfs rondhouten, opstaande en lopend want en blokken, ankers, zeilen, touwen en verdere scheeps-gereedschappen en toebehoren, ingevolge inventaris; gevoerd geweest en in eigendom toebehorende aan kaptein Theodore Hawigh, wonende binnen deze stad, ten verzoeke van de Heren Kuyper, Van Dam en Smeer, Kooplieden en Cargadoors te Rotterdam, ten dezen domicilium kiezende ten huize van de voor hun occuperende Heer Procureur W.S. Burger Junior, op de Nieuwehaven, wijk M, No. 251, Requiranten in krachten van een Vonnis gewezen bij de Regtbank van Koophandel, zitting houdende te Rotterdam, in dato den 8 december 1818, geregistreerd den 9 daaraanvolgende, ten Comptoire van den Heer Ontvanger Verster, (bij welk vonnis gemelde kaptein Theodore Hawigh is gecondemneerd [opm: veroordeeld] om aan de Requiranten te betalen een somma van 5490 guldens, met de interessen en kosten, en waarvoor hetzelve schip is verklaard speciaal te zijn verbonden en executabel) en daarna arrestanten op hetzelve schip en toebehoren.
De Executanten hebben het voorschreve schip en toebehoren ingezet om en voor de somma van een duizend guldens.
De eerste opbieding heeft plaatsgehad op maandag den 4 januari 1819; de tweede zal geschieden op maandag den 11den derzelfder maand, en de derde of laatste op maandag den 18 daaraanvolgende, respectievelijk des middags ten twaalf uren, in het Paleis van Justitie, ten overstaan van den Wel-edelen Gestrengen Heer Mr. Pueter van Vollenhoven, Regter in de Regtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Rotterdam, als daartoe door gemelde Regtbank gecommitteerd.
De Memorie van Lasten is gedeponeerd ter Griffie van meergemelde Regtbank, en Copie derzelve ligt ter visie ten Comptoiren van meegemelde Procureur W.S. Burger Junior, bij wie ook nadere informatiën te bekomen zijn.


 PGC - Provinciale Groninger Courant

Batavia, 29 augustus. Zr.Ms. schip van oorlog TROMP, kapitein-luitenant Verveer en Zr.Ms. fregat WILHELMINA, kapitein Dibbetz, zijn naar Malacca gezeild, aan boord hebbende de Schout bij Nacht Wolterbeek, benoemd om deze kolonie over te nemen, en de nieuwe Gouverneur derzelve, de heer Timmermans Thijssen, als mede een afdeling troepen, is met Zr.Ms. schip NASSAU naar Sourabaya gezeild.


  LC - Leeuwarder Courant

Advertentie. De notaris G.W. Posthuma te Dockum zal, ten overstaan van de notaris Mr. A. van Slooten, op dinsdag den 13 januari 1819, des avonds ten 6 uren, ten huize van Lammert Stuit, kastelein op de Vleeschmarkt aldaar, finaal verkopen een hecht, sterk en snelzeilend tjalkschip, de JONGE REINOU genaamd, lang over steven 65 voet, wijd en hol naar rato, met zeil en treil, ankers en touwen, waar onder een geheel nieuw, en verder toebehoren, in den jare 1813 nieuw uitgehaald en van die tijd door schipper Marten A. Brouwer op Hamburg en terug bevaren.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 16 december. Heden is alhier binnen gekomen en klaart in als bijlegger het jachtschip HET GESCHENK AAN DRIE KINDEREN, kapt. R.T. Danhof, met Noors hout van Christiansand (opm: Kristiansand) naar Edam, met zeeschaden door verlies van anker en touw.


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 15 december. Den 1 december is alhier binnen gekomen het kofschip de VROUW JELTINA, kapt. Derk Engberts Schaap, met ballast van Londen, gaat opleggen.
(opm: de VROUW JELLINA is tijdens een storm op 17 maart 1819 op de Westkust van Jutland gestrand en vergaan waarbij ‘man en al zijn omgekomen’; in de kranten is hierover niets teruggevonden, maar een akte van bekendheid bij het huwelijk op 14.06.1843 van dochter Geertruida Derks Schaap met Tjark Donema bracht uitkomst)


  LC - Leeuwarder Courant

Nieuwe Zijlen (opm: bij Dokkum), 16 december. Den 10 dezer is alhier binnen gekomen het tjalkschip de VROUW ANNA, kapt. G.F. Stapper, met vuren en grenen balken van Hamburg, komt binnen met verlies van anker, touw en zeil.
Den 13 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE REMPT, kapt. Willem Jacobus Mellema, met ballast van Londen, gaat opleggen.


 MOP - Morning Post, Londen

Harwich, 27 december. De JONGE ENGBERDINA, kapt. Mulder (opm: kof, bouwjaar 1802; kapt. Jacob Hiddes Mulder), van Antwerpen naar Londen, Is j.l. vrijdag (opm: 25 december) op Kentish Knock gestrand; de bemanning is door een kolenbrik gered en alhier aangekomen. (opm: de kof is toch weer vrijgekomen en lag in februari 1819 in Amsterdam, waar een nieuwe zeebrief werd afgegeven, maar zeetijdingen zijn niet gevonden; sloop in de loop van 1820 ligt voor de hand, want in februari 1821 kwam er een nieuwe JONGE ENGBERDINA in de vaart, zie ook MOP 010119)


31 december 1818


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Heden namiddag is door adsistentie van een Vlielander loodsschuit in het Vliegat binnen en voor het Ras van Terschelling gebragt J. Jensen, van Archangel, met enige schade aan schip en tuig en een weinig lekkagie.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Te Medemblik zijn, wegens het ijs, binnengelopen de schepen de ACHT GEBROEDERS, kaptein F. Middendorf, en de VIER GEBROEDERS, kaptein J. Diedrich, beide van Bordeaux naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Den 22 augustus is te Delfzijl, wegens mist en vorst, binnengelopen het schip de DRIE GEBROEDERS, kaptein O.G. Jacobs, van Hamburg naar Amsterdam.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Den 9 december is op Fastnets (opm: Fastnet Rock, 51º23’ N.B. 9º36’ W.L.), bij Kirkwal (opm: zuidkust Ierland), gestrand het schip AMELIA, kaptein J. Nele, van Amsterdam naar New York.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Den 20 december is te Harwich, met verlies van een anker en touw, binnengelopen het schip de VROUW GESINA, kapt. E.J. Dik, van Amsterdam naar Londen.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Den 20 december zijn te Portsmouth binnengelopen the AMSTEL, kaptein F. Atkins, van Amsterdam naar Havana, en FLORA, kaptein J. Parlevliet, van Rotterdam naar Belfast; het eerste heeft de volgende dag de reis voortgezet.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Den 19 december is te Liverpool binnengelopen het schip ANNA, kaptein J. Spoor, van Rotterdam naar Batavia, laatst van Portsmouth.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Kaptein P.F. Wegener, voerende het schip de ZEEMEEUW, van Amsterdam te Batavia gearriveerd, meldt van daar, in dato 28 augustus, dat hij om de Zuid gedurig zwaar weer heeft gehad, en den 22 juni laatstleden, op de hoogte van Kaap Anguilus (opm: Kaap Agulhas), door een hevige storm uit het N.N.O. en W.N.W. was belopen geworden; door de zware stortzeeën waren hem aan stuurboordzijde geheel en aan bakboordzijde voor een gedeelte, nevens de stutten en potdeksels, de verschansingen weggeslagen, de boot aan stukken, het combuis ingeslagen, en voorts alles wat er op het dek was weggespoeld; het schip had zich echter droog gehouden; alleenlijk was door de ontzetting der naden van het dek enige lekkagie ontstaan.


  RC - Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 29 december. Kaptein G. Havenstein (opm: Gottlieb Hanenstein), voerende het schip CORNELIA, van Amsterdam te Batavia gearriveerd, meldt van daar, in dato 8 september, dat onder het transport troepen, in de nacht tussen den 10 en 11 mei, muiterij ontdekt zijnde, hij zich echter van de schuldigen had meester gemaakt en de hoofdaanvoerder den 24 mei, op een vonnis van de militaire krijgsraad, aan boord was doodgeschoten.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 december. Het fregatschip de JULIA, kaptein Scot, is te Batavia gearriveerd; hebbende de reis uit Helvoetsluis in 95 dagen afgelegd.


  RC - Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 30 december. Van Vlissingen wordt, in dato den 27 december, gemeld: door een onzer loodsboten is, op den 25 dezer, in goede staat gepraaid het Nederlandse fregat de ONDERNEMING, kaptein Murk Lelsz, van Amsterdam naar Batavia, met troepen, op de hoogte van zuid ten westen van Blankenburg, zijn koers voortzettende.


  RC - Rotterdamsche Courant

De Minister van Marine brengt hiermede ter kennisse van de onderstaande zeelieden, dat aan hunlieden nog voor derzelver dienst op Zijner Majesteits Fregat FREDERICA SOPHIA WILHELMINA aankomen de achter ieder hunner namen uitgetrokken sommen, en dat zijlieden zich ten dien einde aan het Ministerie van Marine, in ’s Gravenhage, kunnen vervoegen als:
Fo. 37 de schieman Isaac van Casselt, de som van ƒ 48.
Fo. 43 matroos, 1e klasse, T.H. Fors, ƒ 15.
Fo. 101 matroos, 1e klasse, M. Jansens, ƒ 15.
Fo. 161 matroos, 1e klasse, A. Cingels, ƒ 15.
Fo. 224 matroos, 3e klasse, W. van Roemburg, ƒ 11.
’s Gravenhage, den 29 december 1818 J.C. van der Hoop


  RC - Rotterdamsche Courant

Advertentie. Kaptein James Crowdhill, voerende het Amerikaans Fregatschip COMMERCE, groot circa 120 lasten, biedt zich aan ter bevrachting naar een der havens in de Verenigde Staten van Noord-Amerika, of naar de West-Indiën. Gemelde schip is ook uit de hand ter koop. Adres bij D. Burger en Zoonen. (opm: deze advertentie werd in RC 120119 herhaald)