
Familiegegevens en opleiding
Willem werd geboren op 31 okt. 1855 te Vlaardingen als z.v. Cornelis de Zeeuw Bagchus en Maria van West.
Willem trouwde op 26.04.1882 te Vlaardingen met Margaretha Christina van der Tas – geb. 02.04.1860 te Vlaardingen - d.v. Adriaan van der Tas en Maartje Broek.
Margaretha Christina overleed op 16 dec. 1934 te Rijswijk.
Willem overleed op 11.03.1920 te Rijswijk (64).
Kinderen
- Adriaan – 1885
- Maria – 1887
- Cornelis Willem – 1890
- Christina Maartje – 1891
- Maartje – 1894
- Margaretha Christina - 1895
De schepen van de kapitein
* 1890 – 1891 van het s.s. ARIADNE – geb. in 1879
* 1891 – 1892 van het s.s. DRENTHE – geb. in 1876
* 1892 – 1892 van het s.s. SPARTAN – geb. in 1890
* 1892 – 1893 van het s.s. SOERABAJA – geb. in 1884
* 1893 – 1895 van het s.s. BATAVIA – geb. in 1883
* 1896 – 1899 van het s.s. BROMO – geb. in 1888
* 1899 – 1902 van het s.s. ARDJOENO – geb. in 1891
* 1902 – 1903 van het s.s. GEDÉ – geb. in 1892
* 1903 – 1904 van het s.s. ARDJOENO – geb. in 1891
* 1904 – 1905 van het s.s. GEDÉ – geb. in 1892
* 1905 – 1907 van het s.s. WILIS – geb. in 1905
* 1907 – 04/1909 van het s.s. KAWI – geb. in 1907
* 04/1909 – 1910 van het s.s. SINDORO – geb. in 1900
* 03/1910 – 1913 van het s.s. TAMBORA – geb. in 1910
* 06/1913 – 1914 van het s.s. GOENTOER – geb. in 1902
* 03/1914 – 12/1915 van het s.s. INSULINDE – geb. in 1914
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rott. Lloyd.
De Locomotief 12-06-1907
Een jubileum.
Door een passagier van de WILIS werd aan het Soer. Hdbl. het een en ander medegedeeld overeen feest aan boord ter gelegenheid Van de 35-jarige echtvereeniging van den commandant, den heer W. Bagchus. Er werd bij deze gelegenheid een „speciaal orgaan” uitgegeven, genaamd De jubilaris. Op leuke wijze wordt de levensgeschiedenis van den jovialen commandant gegeven: Willem Bagchus den 31en October 1855 gehoren, is de zoon van een zeevaarder, zooals die het was van diens vader enz. enz. Papa Bagchus was gezagvoerder van een te Vlaardingen thuis behoorenden drie-mast Schoener en de zoon kreeg ook al spoedig lust in zo’n commando. Na eerst ter haringvangst te hebben gevaren, ging de tegenwoordige commandant van de WILIS ter „Koffarday” —zooals dat vroeger gebruikelijk was en wel naar den Oost Amerika en Japan. Den 26en April 1882 kwam aan het jonggezellenleven van onzen Willem een einde en het was mejuffrouw Vander Tas, die hem voor anker bracht, waarop al spoedig den 26en Juni van dat jaar, zijn benoeming tot gezagvoerder in dienst der Rotterdamsche Lloyd Volgde. Het echtpaar bleef niet alleen en het huwelijk werd volgens de modernste begrippen rijkelijk gezegend. In 1886 werd Adriaan geboren, in 1887 Marie, in 1890 Kees, in 1892 Christina en in 1896 Margaretha, zie hier het vijftal kinderen, dat heden met de moeder den feestdag viert en meermalen in gedachten aan boord van den mailstoomer Wilis zal zijn. De geheele familie Bagchus maakt het goed. De gezagvoerder-jubilaris is gezond en flink en zijne afwezige wederhelft en kinderen eveneens, gelijk heden per vertikaal-draadtelegram naar hier werd overgeseind. Wij wenschen van harte, dat nog vele jaren voorspoed en gezondheid aan de geheele familie Bagchus zullen brengen. Onder de „gevleugelde woorden” is het volgende niet onaardig: ,,Bergen, bergen! Wat koop ik voor bergen en schoone vergezichten: tabak moet ik hebben om te laden.” Volgens den vriendelijken berichtgever heeft men aan boord van de WILIS het zilveren feest met groote opgewektheid gevierd.
HetN.vd.Dag v.N.I. 10-11-1915
Kapitein W. Bagchus, wiens portret wij afdrukken in het nummer van heden, de alom bekende en sympathieke gezagvoerder van de gisteren hier aangekomen INSULINDE, vierde op 31 October j.l. zijn 26 jarig jubileum als kapitein van de Rott. Lloyd, terwijl deze reis ook de laatste zal zijn van kapitein Bagchus als gezagvoerder.
De dag van 31 October is dan ook aan boord van de INSULINDE feestelijk gevierd, zoals een passagier ons meedeelde. De sympathieke zeeman werd die dag een feestje aangeboden, dat uitmuntend geslaagd is.
Een der passagiers, Dr. Pareau, voerde het woord, toen 's morgens om 11 uur een glas champagne werd rondgediend. Des avonds na tafel werden eenige aardige voordrachten gehouden en aan tafel zelf ontbrak het niet aan de nodige toasten, waarvan zelfs enkele op rijm waren gesteld. Ook de Directeur van de Rott. Lloyd, de heer W. Ruys, sprak aan het diner woorden van gelukwens tot kapt. Bagchus. Ook wij wensen kapitein Bagchus van harte geluk met zijn jubileum, en hopen dat het nog lange jaren zal kunnen genieten van een otium cum dignitate, een periode van welverdiende rust.
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER PARMA:
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt W.Bagchus als gezagvoerder gedurende:
* 1890 van het schroefstoomschip “Ariadne” ex Zulu; gebouwd in 1879 te Stockton, 1364 ton o.m., varend voor W.Ruys & Zn. Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam;
* 1891 op het ijzeren schroefstoomschip “Drenthe”, gebouwd in 1876 te Newcastle, 2500 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam;
* 1892 van het ijzeren schroefstoomschip “Spartan” ex Citta di Venezia, gebouwd in 1890 te Newcastle, 3794 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam. Het schip is verkocht in Chili;
* 1892 van het ijzeren schroefstoomschip “Soerabaya”, gebouwd in 1884 te Vlissingen, 2300 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1893 t/m 1894 van het schroefstoomschip “Batavia”, gebouwd in 1883 te Vlissingen, 2223 ton n.m., varend voor Wm.Ryus & Zn te Rotterdam. Het schip werd herdoopt in Soembing;
* 1896 t/m 1898 van het schroefstoomschip “Bromo”, gebouwd in 1888 te Vlissingen, 2600 ton, varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm. Ruys & Zn te Rotterdam
* 1899 e.v. van het stalen schroefstoomschip “Ardjoeno”, gebouwd in 1891 te Vlissingen, 2600 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam.
W.Bagchus was van 1896-1897 gezagvoerder van het stalen passagiers-vrachtschip “Bromo”, gebouwd in 1888, 2507 ton, varend voor de Rotterdamsche Lloyd.052..
Overige bijzonderheden
W.Bagchus vervoerde vanuit Rotterdam troepentransporten van landmachtmilitairen naar Batavia met de “Drenthe” op de volgende reizen065*:
Vertrek 21 februari 1891. Aankomst 06 april 1891 na 44 dagen. 3 officieren en 64 manschappen.
Vertrek 28 november 1891. Aankomst 11 januari 1892 na 44 dagen. 3 officieren en 74 manschappen.
Hij transporteerde militairen vanuit Rotterdam met de “Soerabaya” op de volgende reis:
Vertrek 20 augustus 1892. Aankomst 28 september 1892 na 39 dagen. 2 officieren en 59 manschappen.
Hij vervoerd militairen vanuit Rotterdam met de “Bromo” op de volgende reizen:
Vertrek 29 februari 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 47 manschappen.
Vertrek 20 juni 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 64 manschappen.
Vertrek 24 oktober 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 43 manschappen.
Vertrek 27 februari 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren.
Vertrek 03 juli 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 53 manschappen.
Vertrek 06 november 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 94 manschappen.
Vertrek 12 maart 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 1 officier.
Vertrek 02 juli 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 55 manschappen.
Vertrek 22 oktober 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 43 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Ardjoeno” op de volgende reizen:
Vertrek 01 jul 1899. Aankomst niet vermeld. 1 officier,
21 oktober 1899. Aankomst niet vermeld. 3 officieren en 37 manschappen.
02 juni 1900. Aankomst niet gemeld. 3 officieren en 32 manschappen.
Deze kapitein zal ook later nog wel militairen hebben vervoerd maar deze heb ik niet meer opgenomen.
E-Mail aan Jan Klootwijk dd 12 februari 2006 van Doeke Bakker.
Aan de heer Klootwijk.
Geachte heer,
Van mijn achterneef Dirk Vedder kreeg ik informatie met foto’s van de Ardjoeno waarvoor mijn dank. Ik ben een kleinzoon naamgenoot van Doeke Bakker destijds kapitein op de Ardjoeno en woon opdezelfde plaats waar mijn grootvader heeft gewoond en is overleden op 19 December 1923. Zelf ben ik geboren in 1927 en heb hem dus niet gekend, wel mijn grootmoeder. Mijn grootvader was geboren in 1850. We hebben nog een groot schilderij van de Ardjoeno. Afmetingen 100 bij 70 c.m. Met vol tuigage. Mijn vader vertelde altijd dat dit geschilderd was in de haven van Antwerpen. Waar men daar waarschijnlijk de zeilen had opgedaan, want er mankeerde niets aan. Het is echter op volle zee met een vuurtoren in de verte en een loodsboot in de buurt. Het hing altijd bij ons thuis in de kamer en als kinderen vonden wij dat altijd indrukwekkend. Het hangt nu bij mijn zoon in een oud Amelander huis van 200 jaar waar het beter tot zijn recht komt. Ook hebben we nog de barometer van de Ardjoeno, de verrekijker en de grote vlag. In het boek Van scheepsjongen tot schipper van de heer Leegwater later loods in IJmuiden beschrijft deze een paar reizen als stuurmansleerling op de Ardjoeno bij mijn grootvader als kapitein naar Oost Indie.
Doeke Bakker Camminghastraat 1 9162 E K Ballum Ameland. Tel: 0519 554029.
In het tijdschrift De Zee, Jg 1896, p106-108 staat een artikel van W.Bachus met als titel “Kustverlichting in Nederlandsch-Indië”.
In Nederlands Scheepvaart Museum onder Signatur J-100 “Van Scheepsjongen tot schipper: een zeemansleven” door J.Leegwater, 1946.
Deze vermelding kan ik niet (meer) thuisbrengen. Wellicht een vermeldingvan kapitein Bagchus? Nakijken in Scheepvaartmuseum te Amsterdam.
Familiegegevens
Arij werd geboren op 31.10.1863 te Vlaardingen als z.v. Dirk van Leeuwen en Cornelia Lena van West.
Arij (30) trouwde op 06.06.1894 te Vlaardingen met Catharina van Roon – geb. 12.05.1864 – overleden 14.07.1956 – d.v. Petrus Leonardus van Roon en Maria Heubink.
Arij is overleden op 21.07.1925 te Rotterdam in het Diaconessenhuis en begraven te Vlaardingen (61)
(Overlijdensbericht in de Nieuwe Vlaardingsche Courant van 24-07-1925)
Kinderen
Een.
Opleiding
Behaalde het diploma 3e stuurman grote zeilvaart ??
Behaalde het diploma 2e stuurman grote zeilvaart in maart 1887 te Amsterdam
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart in december 1890 te Rotterdam
De schepen van de kapitein
* 1905 – van het s.s. LAWOE
* 1908 – van het s.s. SALAK
* 1910 – van het s.s. SINDORO
* 1913 – van het s.s. TAMBORA
* 1915 – van het s.s. RINDJANI
* 1915 – van het s.s. KAWI
* 1920 – van het s.s. TABANAN
* 1920 – van het s.s. TAMBORA
* 1922 – 1924 van het pass.schip TJERIMAI
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
D.I.C. 030424
Gezagvoerder TJERIMAI – A. van Leeuwen – 2 apr.1924 van Batavia naar Rotterdam
Laatste reis, daarna met pensioen.
Zie Verslag van de RvdS 1923 – Nr. 53 – Stoten van s.s. TJERIMAI op 24.04.1923.
Familiegegevens
Machiel werd geboren op 05.01.1856 te Rotterdam als z.v. Machiel van der Putte en Catharina Dirks.
Machiel (stuurman ter koopvaardij) (27) trouwde op 23.03.1883 te Brielle met Adriana Noltee (23) – geb. 29.06.1859 te Brielle - d.v. Arie of Arij Noltee (zeeloods) en Willemijntje Steehouwer.
Adriana Noltee overleed op 30.08.1938 te ’s-Gravenhage.
Machiel overleed op 02.08.1936 te ’s-Gravenhage (80).
Kinderen
Machiel – 1885
Willemijntje 1887 – 1889
Arij 1889 – 1929
Jan 1892 – 1893
Catharina 1895
Willem 1898
Adriana 1899
Opleiding
Behaalde het diploma 3e stuurman grote stoomvaart op 28.02.1906 te Amsterdam.
Behaalde het diploma 2e stuurman grote stoomvaart in nov./dec. 1910 te Batavia.
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart op 24.09.1913 te ’s-Gravenhage.
De schepen van de kapitein
* 1894 – 1896 van het s.s. SENIOR – geb. 1879
* 1896 – 1898 van het s.s. BORNEO – geb. 1884
* 1899 – 1899 van het s.s. BOGOR – geb. 1898
* 1899 – 1904 van het s.s. OENGARAN – geb. 1883
* 1904 – 1905 van het s.s. ARDJOENO – geb. 1891
* 1905 – 1905 van het s.s. LAWOE – geb. 1881
* 1905 – 1908 van het s.s. ARDJOENO – geb. 1891
* 1908 – 1910 van het s.s. WILIS – geb. 1905
* 1910 – 1913 van het s.s. GOENTOER – geb. 1902
* 1913 – 1916 van het s.s. TAMBORA – geb. 1910
Overige bijzonderheden
Kwam in mei 1883 in dienst bij de Rott.Lloyd.
Gezagvoerder bij de Rott. Lloyd.
Het Vaderland 04-08-1936
Machiel van der Putte †
Zondag is, tachtig jaar oud, na een langdurige ziekte alhier overleden de heer M. van der Putte, oud-gezagvoerder van de Rotterdamsche Lloyd.
Met Machiel van der Putte is een van de bekends gezagvoerders uit de eerste tijd van de Rotterdamsche Lloyd heengegaan. Een van de laatsten uit die tijd ook, die nog in leven waren.
In mei 1883 is de heer Van der Putte in dienst getreden van de Lloyd, aan welke hij ruim dertig jaar verbonden is geweest. In oktober 1894 begon zijn staat van dienst als gezagvoerder. Hij werd toen kapitein van het stoomschip SENIOR, van Ruvs en Zonen, waarmee de Middellandse Zee en in de zomer, ook wel de Oostzee werd bevaren. In december 1899 wordt hij kapitein van de UNGARAN van de Lloyd. Achtereenvolgens is hij daarna gezagvoerder geweest van de ARDJOENO, de LABOE en de WIREN. Vooral echter zal de naam van de thans overledene voor velen in de herinnering verbonden zijn aan de GOENTOER, waarop de heer Van der Putte ongeveer zeven jaar heeft gevaren, tot aan het begin van de oorlog en waarna alleen nog de TAMBORA op zijn staat van dienst vermeld is.
De reden waarom kapitein Van der Putte in 1916 zijn ontslag nam, is de volgende: Op zijn laatste reis, in de eerste oorlogsjaren, was zijn schip op zee aangehouden door een Frans oorlogsschip, dat hem noopte naar Brest te varen. Door een vreemd marineofficier naar een vreemde haven te worden verwezen, was meer dan kapitein Van der Putte in overeenstemming kon brengen met de ethiek van het beroep dat alles voor hem was.
Dit feit was voor hem aanleiding zijn ontslag te nemen. Een herhaling van deze ervaring wilde hij niet dulden.
De begrafenis zal geschieden Woensdag 5 dezer, te elf uur, op Oud Eik en Duinen.
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER S. PARMA:
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
-
van de Putte was met vlagnummer R8 in de periode 1896 t/m 1899 lid voor de vlag van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart. Dit betekende dat hij wèl de Maatschappijvlag mocht voeren, maar geen recht had op financiële tegemoetkomingen058.
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
In het Jaarverslag 1899 van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat vermeld dat hij in dat jaar heeft bedankt als vlaggelid058.
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij staat kapitein M. van de Putte met vlagnummer R8 als gezagvoerder in de ledenlijsten van058:
* 1896`1897 van het ss. “Borneo” 1560 ton netto varend voor de Rotterdamsche Lloyd te R’dam
* 1898 van het ss. “Bogor” 2703 ton netto varend voor de Rotterdamsche Lloyd te R’dam
Bouma025 vermeldt M.van de Putte als gezagvoerder gedurende:
* 1896 t/m 1897 van het schroefstoomschip “Borneo”, gebouwd in 1885 te Glasgow, 2140 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam. Het schip werd verkocht aan de KPM;
* 1899 van het schroefstoomschip “Bromo”, gebouwd in 1888 te Vlissingen, 2600 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1900 en volgende jaren (?) op het ijzeren schroefstoomschip “Oengaran”, ex Samarang, gebouwd in 1883 te Middlesbro, 2535 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Llod Wm.Ruys & Zn te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
M.van de Putte vervoerde detachementen landmachtmilitairen van Rotterdam met de “Bromo” naar Batavia op de volgende reizen065*:
* Vertrek 11 februari 1899. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 42 manschappen.
* Vertrek 23 september 1899. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 42 manschappen.
1902 SS ANDANIA varend voor Willem Ruys & Co. Rotterdam, 104 gestrand en verlaten
1910 SS TAMBORA varend voor Willem Ruys & Co. Rotterdam
Familiegegevens
Arij werd geboren op 31.10.1863 te Vlaardingen als z.v. Dirk van Leeuwen en Cornelia Lena van West.
Arij (30) trouwde op 06.06.1894 te Vlaardingen met Catharina van Roon – geb. 12.05.1864 – overleden 14.07.1956 – d.v. Petrus Leonardus van Roon en Maria Heubink.
Arij is overleden op 21.07.1925 te Rotterdam in het Diaconessenhuis en begraven te Vlaardingen (61)
(Overlijdensbericht in de Nieuwe Vlaardingsche Courant van 24-07-1925)
Kinderen
Een.
Opleiding
Behaalde het diploma 3e stuurman grote zeilvaart ??
Behaalde het diploma 2e stuurman grote zeilvaart in maart 1887 te Amsterdam
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart in december 1890 te Rotterdam
De schepen van de kapitein
* 1905 – van het s.s. LAWOE
* 1908 – van het s.s. SALAK
* 1910 – van het s.s. SINDORO
* 1913 – van het s.s. TAMBORA
* 1915 – van het s.s. RINDJANI
* 1915 – van het s.s. KAWI
* 1920 – van het s.s. TABANAN
* 1920 – van het s.s. TAMBORA
* 1922 – 1924 van het pass.schip TJERIMAI
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
D.I.C. 030424
Gezagvoerder TJERIMAI – A. van Leeuwen – 2 apr.1924 van Batavia naar Rotterdam
Laatste reis, daarna met pensioen.
Zie Verslag van de RvdS 1923 – Nr. 53 – Stoten van s.s. TJERIMAI op 24.04.1923.

Familiegegevens
Jacobus Marinus werd geboren op 10.08.1872 te Enschede als z.v. Christiaan George Meerburg en Maria Elisabeth Naber.
Jacobus Marinus (27) (stuurman) trouwde op 19.12.1899 te Haarlem met Margaretha Oudshoorn (23) – geb. 11.10.1876 te Haarlem – d.v. Arend Oudshoorn en Johanna Cornelia de Jongh.
Margaretha Oudshoorn overleed op 16.02.1901 te Haarlem (24).
Jacobus Marinus (31) hertrouwde op 28.07.1904 te Rotterdam met Maria Elisabeth van Lummel (25) – geb. 21.08.1878 te Doetinchem – d.v. Kornelis Adrianus van Lummel en Jacoba Gerarda Barendina Gerretsen.
Maria Elisabeth van Lummel overleed op 23.04.1936 te Doorn (57).
Jacobus Marinus overleed op 06.01.1933 te Doorn (60).
(Overlijdensbericht in het Rott. Nieuwsblad van 09-01-1933)
Kinderen
- Christiaan George
- Christiaan George
- Cornelia Adriana
Opleiding
J.M. Meerburg werd op 08.08.1887 ingeschreven bij de Kweekschool voor de Zeevaart te Amsterdam.
Na het volgen van de 3-jarige cursus werd hij op 09.08.1890 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s. BATAVIA, kapt. De Gruijter, naar Java. Op 19.02.1891 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s.DRENTHE, kapt. Brouwer, naar Java. Op 24.06.1891 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s. BROMO, kapt. Van de Sprang van Lee, naar Java. Kwam op 27.02.1892 terug van de reizen met goed attest.
Behaalde het diploma 3e stuurman grote vaart op 11 mei 1892 te Rotterdam.
Behaalde het diploma 2e stuurman grote stoomvaart in oktober 1895 te Rotterdam.
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart A in juni 1898 te Amsterdam.
De schepen van de kapitein
* 1908 – van het s.s. VLIELAND – geb. 1900 – St. Mij. Triton
* 1912 – van het s.s. MENADO – geb. 1908
* 1913 – van het s.s. DELI – geb. 1912
* 1915 – van het s.s. PALEMBANG – geb. 1911
* 1915 – van het s.s. OPHIR – geb. 1904
* 1920 – van het s.s. SINDORO – geb. 1900
* 1920 – van het s.s. TABANAN – geb. in 1908
* 1922 – van het s.s. TAMBORA – geb. 1910
* 1924 – van het s.s. TABANAN – geb. 1908
* 1924 – van het s.s. TJERIMAI – geb. 1920
* 1925 – van het s.s. INSULINDE – geb. 1914
* 1927 – 1929 van het s.s. PATRIA – geb. in 1919
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
Kapitein Meerburg ging op 22 juni 1929 met pensioen na 40-jarige diensttijd.
Was Lt. ter Zee 1e Klasse van de Marine Reserve.
AH 14-05-1925
Meteorologische Journalen.
Als bewijs van waardering voor het bijhouden en inzenden van meteorologische journalen ten dienste van het Kon. Ned. Meteorologisch Instituut zijn bij Kon. Besluit de volgende onderscheidingen toegekend:
De gouden medaille aan de gezagvoerders: J. M. Meerburg (Rott. Lloyd); C. de Korver (Hol. Amerika-Lijn); E. H. Kroes (Java-China-Japan-Lijn); de zilveren medaille aan de gezagvoerders: H. F. Soomer; M. F. Mörzer Bruyns; W. A. Beijer; C. E. Plugge (allen Nederland); R, Borst; J. J. Bulsing; A. Vertregt (allen Rott. Lloyd); A. Dekema; G. C. Herbschleb (beiden Holland-Amerika Lijn); W. van Eyken (Holland-Zuid-Afrika-Lijn).
Verslag van afscheid kapitein Meerburg in De Locomotief van 23.07.1929
De Telegraaf 09-01-1933
Loopbaan van kapitein Meerburg. Een ervaren zeeman.
DOORN, 9 Jan. — Zoals gemeld is, de heer J. Meerburg, oud-gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd overleden. Na een hoogst gelukkige 39-jarlge zeemanscarrière, waarbij hij steeds de aan zijn zorgen toevertrouwde schepen behouden thuisbracht, is de kranige zeeman op 22 Juni 1929 van zijn laatste rei» naar Indië teruggekomen om te Doorn in zijn villa „Vertuid” van een welverdiende rust te genieten, die helaas slechte korten tijd geduurd heeft. Kapitein Meerburg was onder een gelukkig gesternte geboren. Zijn gehele leven heeft hij in dienst van de firma Ruys gevaren, waarvan 21 jaar als kapitein, en hij kon er zich op beroemen nimmer een schip te hebben verspeeld of schade te hebben gevaren. Eenmaal slechts is het er bijna van gekomen. Dat was in 1908 met zijn eerste schip, de „Vlieland”. Het schip kwam van Noorwegen en moest naar IJmuiden. Maar bij Terschelling was het ontzettend weer. Het had niet veel gescheeld of het schip was vergaan, want de schroef had drie van de vier bladen verloren. Tot overmaat van ramp begonnen de kolen op te raken. „Kapitein, wij vergaan,” riep zijn eerste-stuurman. Maar kapitein Meerburgantwoordde karakteristiek:
„Niet zo hard: je moet maar denken: we zijn er zelf bij en zolang wij de kop nog boven water houden is er niets verloren.” Hij slaagde erin, op eigen kracht te Bremerhaven binnen te lopen. Het was de eerste en laatste maal, dat kapt Meerburg „een beetje narigheid had”, zoals hij het uitdrukte.
Kapitein Meerburg is te Amsterdam geboren. Als Jongen ging hij naar de Kweekschool aldaar en vandaar kwam hij in 1890 op de BATAVIA van de Rotterdamsche Lloyd. Twee jaar heeft hij als jongen voor de mast gevaren. Toen deed hij zijn examen voor derde stuurman en kwam in 1892 op de GEDEH onder kapitein Siekemeijer. Verder heeft hij regelmatig promotie gemaakt. Zijn eerste schip als kapitein was de VLIELAND van de Mij. „Triton” en in 1915 kreeg hij zijn eerste mailschip, de OPHIR; in 1918 bevond hij zich daarmee in Honolulu toen het door de Amerikanen in beslag werd genomen. Na de oorlog kreeg hij de SINDORO, het schip, dat. Na als ambulance te hebben dienstgedaan, weer in de passagiersvaart kwam. Daarna heeft hij nog op verscheidene schepen van de Rotterdamsche Lloyd gevaren, op de TABANAN, de TAMBORA, waarmee hij o.a. een tocht gemaakt heeft naar de tentoonstelling te Gothenburg in 1923, de INSULINDE, de TJERIMAI en het laatste op de PATRIA. De grote verdiensten van deze bekwame en ervaren zeeman zijn erkend door de toekenning van de gouden en zilveren medailles van het Kon. Met. Instituut, want het waren de door kapitein Meerburg overgelegde meteorologische journalen, die buitengewone diensten hebben bewezen aan de zeevaartwetenschap. Kapitein Meerburg was een joviaal en opgewekt mens, die bij zijn passagiers zeer gezien was hetgeen hem ook bij zijn afscheid van de Lloyd op 22 Juni 1929 gebleken is. De begrafenis van het stoffelijk overschot is bepaald op a.s. Dinsdag op de begraafplaats te Doorn.
|