Inloggen
SETAS - ID 5847

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1935
Classification Register: Bureau Veritas (BV)
IMO nummer: 5236343
Nat. Official Number: 1704 Z GRON 1935
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo
Type Dek: Flush deck
Rig: 2 derricks
Lift Capacity: 2 ton each, 2 winches
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Firma Gebr. Niestern & Co., Delfzijl, Groningen, Netherlands
Werfnummer: 200
Launch Date: 1935-07-27
Delivery Date: 1935-09-03
Technical Data

Engine Manufacturer: Humboldt-Deutz Motoren A.G., Cologne (Köln), Germany
Motor Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 3
Power: 150
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Deutz Type (x)
Speed in knots: 8
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 199.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 125.00 Net tonnage
Deadweight: 250.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 13456 Cubic Feet
Bale: 12500 Cubic Feet
 
Length 1: 37.24 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 35.31 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 6.54 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.65 Meters Depth, moulded
Draught: 2.40 Meters Draught, maximum
Configuration Changes

Datum 1948-00-00
Type: Propulsion/engine changed
Omschrijving: 1948 nieuwe hoofdmotor: 4tew 4 cil 240 Pk Holsteinische Machinenbau AG (Holmag) Type (280x450) 8,5 Kn.

Ship History Data

Date/Name Ship 1935-09-03 SETAS
Manager: Firma H. van der Eb, London, Great Britain
Eigenaar: Harm Roelf Pronk, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PHLW

Date/Name Ship 1946-00-00 SETAS
Manager: Carebeka N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Harm Roelf Pronk, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PHLW

Date/Name Ship 1953-12-24 SETAS
Manager: N.V. 'Express', Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: N.V. 'Express', Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PHLW

Date/Name Ship 1954-01-28 MINORCA
Manager: Kamp's Scheepvaart- en Handelmaatschappij N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Evert Watze van der Molen, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PFZU

Date/Name Ship 1961-01-18 MINORCA
Manager: J.R. Christensen, Svendborg, Denmark
Eigenaar: J.R. Christensen, Svendborg, Denmark
Shareholder:
Homeport / Flag: Svendborg / Denmark
Callsign: OYDC

Date/Name Ship 1962-08-00 MINORCA
Manager: Jonas Pedersen, Svendborg, Denmark
Eigenaar: Jonas Pedersen, Svendborg, Denmark
Shareholder:
Homeport / Flag: Svendborg / Denmark
Callsign: OYDC

Date/Name Ship 1972-09-00 MINORCA
Manager: John Hazard, Panama, Panama R.P.
Eigenaar: John Hazard, Panama, Panama R.P.
Shareholder:
Homeport / Flag: Panama / Panama R.P.

Date/Name Ship 1976-00-00 EVDOXOULA
Manager: Foxlucy Compania Naviera S.A., Panama, Panama R.P.
Eigenaar: Foxlucy Compania Naviera S.A., Panama, Panama R.P.
Shareholder:
Homeport / Flag: Panama / Panama R.P.

Date/Name Ship 1978-00-00 LEMNOS
Manager: G. Kolos, Z. Karvelis & E. Poulos, Thessaloniki, Greece
Eigenaar: G. Kolos, Z. Karvelis & E. Poulos, Thessaloniki, Greece
Shareholder:
Homeport / Flag: Thessaloniki / Greece
Callsign: SV4079

Date/Name Ship 1988-04-00 ALONISSOS
Manager: S. Alexiou, K. Paraskevas, D. Agalou & K. Kostas, Magnisias, Greece
Eigenaar: S. Alexiou, K. Paraskevas, D. Agalou & K. Kostas, Magnisias, Greece
Shareholder:
Homeport / Flag: Magnisias / Greece
Callsign: SV4079

Date/Name Ship 1997-00-00 ALONISSOS
Manager: S. Alexiou, K. Paraskevas, D. Agalou & K. Kostas, Magnisias, Greece
Eigenaar: S. Alexiou, K. Paraskevas, D. Agalou & K. Kostas, Magnisias, Greece
Shareholder:
Homeport / Flag: Piraeus / Greece
Callsign: SV4079

Date/Name Ship 2011-06-00 ALONISSOS
Manager: A. Stathakou, Piraeus, Greece
Eigenaar: A. Stathakou, Piraeus, Greece
Shareholder:
Homeport / Flag: Piraeus / Greece
Callsign: SV4079

Ship Events Data

1935-09-03: NvhN 04-09-1935: Delfzijl, 3 Sept. Op de Eems vond heden de goed geslaagde proefvaart plaats van het nieuwgebouwde motorschip SETAS. Dit schip is gebouwd onder klasse Bureau Veritas en Scheepvaart-Inspectie, groote kustvaart op de werf van de Gebr. Niestern, te Delfzijl, voor rekening van kapt. H. Pronk te Groningen. De afmetingen van het schip zijn als volgt: lengte over alles 37.25 M., breedte op het grootspant 6.50 M. en holte in de zijde 2.65 M. De inhoud bedraagt bruto 199 Reg. ton en netto 125 Reg. ton, terwijl het D.W. ca. 260 ton bedraagt. Het schip is van het kruiserhek-type en het is gebouwd met plaatsteven. Het is voorzien van een nieuw systeem dubbelen bodem, welke over de volle lengte van het schip loopt, behalve onder de motorkamer en die, evenals, de voor- en achterpiek, dienst doet voor waterballast. De gezamenlijke ballast-capaciteit bedraagt 80 ton. Hiermede is het schip onder alle omstandigheden als uiterst zeewaardig te beschouwen. In de motorkamer is voor de voortstuwing een vier tact compressorlooze Deutz Diesel motor geplaatst. Deze motor is in drie cylinder uitvoering met een vermogen van 150—180 p.k. bij 300 omwentelingen per minuut. Achter deze motor is een Genie omkeerkoppeling geplaatst. Behalve de hoofdmotor bevindt zich tevens nog een compressorlooze Deutz Diesel motor van 6 p.k. als huipmotor in de motorkamer, voor aandrijving van de hulp-compressor, de lenspomp, de ballastpomp en de dynamo. De geheele verlichting van het schip geschiedt electrisch. De accumulatourenbatterij wordt geladen door de dynamo, die door de hoofdmotor of door de hiulpmotor kan worden aangedreven. Deze electrische installatie werd uitgevoerd door het Technisch Bureau Herman G. Eekels te Hoogezand. Midden op het schip is een stalen mast met twee stalen laadboomen geplaatst, terwijl op het mastdek achter de mast een motordeklier staat opgesteld, die gedreven wordt door een compressorlooze Deutz Diesel motor van 7 p.k. Het laad- en losgerei voldoet aan de voorschriften van de Inspectie van Havenarbeid. De ankerlier wordt gedreven door een compressorlooze Deutz Diesel motor van 6 p.k. Verder is het schip zeer modern en gerieflijk ingericht, terwijl ook de betimmering niets te wenschen overlaat. Het schip, dat zeer netjes is afgewerkt, is voorzien van een stroomlijn-ballansroer, waarmede het op de proefvaart uiterst gemakkelijk bestuurbaar bleek, terwijl het in ieder opzicht uitstekende manoeuvreer-eigenschappen bleek te bezitten. Het behaalde een snelheid van 8½ mijl. Na de proefvaart werd het zeer ten genoegen door den kapitein overgenomen.
1935-11-06: Op 06-11-1935 als SETAS, zijnde een motorschip, metende 563.82 m3. liggende te Delfzijl, door A. Kraaijema, scheepsmeter te Groningen, ten verzoeke van Harm Roelf Pronk, scheepskapitein te Groningen, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 1704 Z GRON 1935 op het achterschip in het achtervlak van de lichtkap motorkamer.
1936-03-10: NvhN 10-03-1936: Delfzijl. Het motorschip “SETAS”, kapt. Pronk, liep hier heden met motorschade binnen. Het schip is op weg van Surte met bestemming Londen, beladen met ledige flesschen. Het zal alhier de schade herstellen.
1938-10-20: NvhN 20-10-1938 Delfzijl. Het m.s. “Setas” kapt. Pronk dat alhier met lichte motorschade binnenliep, heeft deze schade alhier hersteld en vervolgde daarna de reis naar Londen.
1940-05-00: Bij het uitbreken van de tweede wereldoorlog was ze net van Surte, Zweden vertrokken naar Londen. Het keerde naar Surte terug en bleef daar de hele oorlog liggen. Na de oorlog deed ze drie maanden voedsel en medicijnentransport naar Nederland en België.
1945-12-10: Bijvoegsel tot de Nederlandse Staatscourant van Woensdag 21 Mei 1947, no. 96. Uitspraak van den Raad voor de Scheepvaart. No.36. Uitspraak van den Raad voor de Scheepvaart in zake de klacht van den inspecteur-generaal voor de scheepvaart tegen H. R. Pronk, kapitein van het motorschip "Setas", wegens misdraging ten opzichte van een opvarende. Op 30 Maart 1946 is door den inspecteur-generaal voor de scheepvaart bij den Raad voor de Scheepvaart een klacht ingediend van den volgenden inhoud: ,,De Inspecteur-Generaal voor de Scheepvaart, Gezien den brief van den Inspecteur-Generaal van het Loodswezen no. 857, dd. 29 December 1945; Gezien het verhoor van den kapitein Harm Roelf Pronk van het motorschip „Setas"; Overwegende, dat uit den inhoud de vraag rijst of genoemde kapitein aan boord van zijn schip zoo tegen den loods G. Smit is opgetreden als voor een gezagvoerder van het schip past; Overwegende, dat een loods als opvarende van het schip, waarop hij zich bevindt, moet worden beschouwd; Overwegende, dat ongepast optreden tegen een opvarende beschouwd moet worden als misdraging; Gelet op de artikelen 48 en 49 van de Schepenwet; Stelt aan den Raad voor de Scheepvaart voor een onderzoek in te stellen en kapitein Harm Roelf Pronk te hooren." Een commissie uit den Raad voor de Scheepvaart, als bedoeld bij artikel 49 der Schepenwet, besliste op 24 April 1946, dat deze scheldpartij aan boord van het motorschip „Setas" niet belangrijk genoeg werd geacht om de bovenstaande klacht in behandeling te nemen. Overeenkomstig het gestelde in artikel 29, sub 3, der Schepenwet vorderde bij schrijven van 14 Mei 1946 de inspecteur-generaal voor de scheepvaart,, dat de Raad de beslissing van de commissie zou herzien. Op 23 Mei 1946 is deze vordering door den Raad voor de Scheepvaart behandeld en is besloten om de beslissing van de commissie van 24 April 1946 te vernietigen en de klacht te onderzoeken. Het onderzoek heeft plaats gevonden ter zitting van 27 Januari 1947, in tegenwoordigheid van den hoofdinspecteur voor de scheepvaart A. S. de Bats. De Raad nam kennis van de ten deze door den inspecteurgeneraal voor de scheepvaart overgelegde stukken, waaronder een door den expert bij de Scheepvaartinspectie C. M. Tuntler, te Amsterdam, op den ambtseed opgemaakt proces-verbaal dd. 19 Maart 1946, inhoudende een verhoor van aangeklaagde Harm Roelf Pronk, wonende te Groningen, en hoorde deu kapitein voornoemd als aangeklaagde buiten eede. Als getuige werd gehoord G. Smit, zeeloods te Den Helder. Na voorlezing van de klacht zette de voorzitter den aangeklaagde de beteekenis daarvan uiteen en gaf hem gelegenheid tot zijn verdediging aan te voeren hetgeen hij daartoe dienstig achtte, hem daarbij het laatste woord latende. Uit het door den Eaad gehouden onderzoek is het volgende gebleken: Het motorschip „Setas", groot 199,03 bruto-rgisterton is van H. R. Pronk te Groningen, is een Nederlandsch schip. Het is in het bezit van een geldig certificaat van deugdelijkheid. De voortstuwing geschiedt door een Deutz Dieselmotor met 3 cylinders van 150 Rpk. Op 10 December 1945 lag de ,,Setas", die op reis was van Amsterdam naar Frederiksvaerk, in de haven van Terschelling, alwaar zij den vorigen dag wegens slecht weer was binnengeloopen. Daar de ,,Setas" dien morgen te 5.30 uur zou vertrekken, was te voren tegen dat tijdstip een loods besteld. De zeeloods, getuige G. Smit, kwam op 10 December te 5.20 uur aan boord. Bij het aan boord komen bemerkte hij, dat nog niemand der opvarenden aan dek was, om welke reden hij naar de kampanje ging en volgens zijn zeggen eerst door kloppen, later door rammelen met een deur van de motorkamer trachtte iemand te porren. Aangeklaagde verklaart op het moment, dat de loods aan boord kwam reeds op te zijn geweest en plotseling te zijn opgeschrokken door hevig lawaai aan dek. Kloppen heeft hij niet gehoord, maar er werd zwaar op het dek gestapt en daarna met de deur van de motorkamer gesmeten. Aangeklaagde verklaart nog van zijn stuurman te hebben vernomen, dat deze, die ook door het lawaai was opgeschrikt, den loods zou hebben gezegd wat kalmer op te treden. De loods ontkent den stuurman te hebben gezien of gehoord, maar zegt dat de kapitein als een brieschende leeuw aan dek kwam en hevig begon uit te varen. Aangeklaagde geeft toe zeer ontstemd aan dek te zijn gekomen en zijn misnoegen over het optreden van den loods te hebben betuigd. Tusschen beiden bestaat weinig verschil omtrent de woorden, die de kapitein heeft gebruikt. De loods zou o.a. voor boerenhengst en kaffer zijn uitgemaakt. Getuige Smit heeft de scheldwoorden over zich heen laten gaan en later den kapitein gezegd, dat hij klachten over den loods op diens loodscertificaat kon neerschrijven. Bij het verlaten van het schip, nadat dit tot de uiterton was beloodst, wees getuige aangeklaagde er nog eens op, dat hij zijn klacht op het loodscertificaat kon vermelden. Aangeklaagde schreef geen klacht op dit certificaat, maar zei: „nog een groote bek ook". Getuige Smit heeft na binnenkomst den loodscommissaris te Terschelling verslag uitgebracht van de ontvangen onheusche behandeling. Deze loodscommissaris heeft dit verslag doorgezonden aan den directeur van het loodswezen, waarna het de basis geworden is van bovengenoemde klacht van den inspecteur-generaal voor de scheepvaart. De hoofdinspecteur voor de scheepvaart acht het in de klacht aan kapitein H. R. Pronk ten laste gelegde voldoende bewezen. Een kapitein moet zich behoorlijk en beheerscht gedragen tegenover de opvarenden en de hoofdinspecteur is van oordeel, dat in het onderhavige geval de loods ook moet worden aangemerkt als opvarende. De hoofdinspecteur verwijt den loods de manier, waarop hij meende overal lawaai te moeten maken en is van oordeel, dat dit van weinig beheersching getuigt. Als de loods zich als opvarende aan boord bevindt, is hij ook verplicht behoorlijk op te treden. De kapitein had op meer bescheiden wijze kunnen worden geroepen, maar het nalaten daarvan had voor den kapitein geen aanleiding mogen zijn om den loods met scheldwoorden te bejegenen. De hoofdinspecteur stelt den Raad voor geen disciplinaire straf toe te passen. 's Raads oordeel luidt als volgt: Aangeklaagde heeft niet ontkend, dat hij, misnoegd zijnde, omdat de loods, zijns inziens, overbodig lawaai maakte, dezen heeft uitgescholden. De Raad neemt aan, dat de loods, ongeveer op het afgesproken uur aan boord komend en daar niemand bij de hand vindend, wel iets meer lawaai gemaakt heeft dan strikt noodzakelijk was om zijn aanwezigheid bekend te maken. Desniettemin is de Raad van oordeel, dat de kapitein zich niet zóó had mogen laten gaan, dat hij aan zijn misnoegen uiting gaf door den loods uit te schelden. Deze onheusche bejegening van den loods is een misdraging van den kapitein ten opzichte van een opvarende. De Raad acht deze misdraging echter niet van zoodanig gewicht, dat er termen zijn den kapitein deswege een disciplinairen maatregel op te leggen, doch vertrouwt, dat hij zich in den vervolge beter zal weten te beheerschen. De Raad verstaat, dat aan den kapitein Harm Roelf Pronk van het motorschip ,,Setas" ter zake van het feit, waarover is geklaagd, geen disciplinaire maatregel zal worden opgelegd. Aldus gedaan door de heeren mr. W. A. Vos, eerste plv. voorzitter, L. den Hoedt, lid, C. H. Brouwer, plv. lid, L. Meulman, buitengewoon lid, S. van Ramshorst, plv. buitengewoon lid, in tegenwoordigheid van 's Raads secretaris mr. A. Boosman en uitgesproken door voornoemden voorzitter ter openbare zitting van den Raad van 24 Februari 1947. (Get.:) Vos; A. Boosman.
1951-02-01: NvhN 01-02-1951: De “SETAS” sleepte de “Norma”. Het 1606 brt metende m.s. “Norma”, ledig op weg van Goole naar Harwich, is gisteren langs de Oostkust van Engeland door de Nederlandse coaster “Setas” (eigenaar H. R. Pronk te Groningen) met motorpech aangetroffen en te Great Yarmouth binnengesleept. De “Norma” is eigendom van J. Salomons Shipping and Forwarding Office te Rotterdam.
1952-02-14: NvhN 14-02-1952: De SETAS aan de grond. Het Nederlandse motorschip Setas van de heer H. Pronk uit Groningen, is bij Nyborg (Denemarken) aan de grond gelopen. Het schip was met een lading suiker van Nakskov (Den.) op weg naar Noorwegen. De Setas wilde in Nyborg bunkeren. Het schip meet 199 ton.
1955-01-27: Friese Koerier 27-01-1955: Nederlandse schepen gestrand. De 200 ton metende Groningse kustvaarder „Oldambt” kapitein-eigenaar R. de Haan te Nieuw Scheemda, is nabij het Deense eiland Seeland aan de grond gelopen. Bij lerland is de Nederlandse kustvaarder „MINORCA” eveneens uit Groningen afkomstig, gestrand. De vijf opvarenden zijn naar de kust gewaad. Wanneer het schip nog een paar dagen aan de stormen wordt blootgesteld, zal het bezwijken, aldus een lid van de bemanning. Kapitein van dit schip is de heer E. W. van der Molen. (ANP) Dertig kilometer uit de kust bij Assens op Funen (Denemarken) liep bij dichte mist de kustvaarder “Erasmus” (500 t) uit Rotterdam aan de grond. Daarbij onstond geen schade.
Leeuwarder Courant 27-01-1955: Vijf Nederlandse zeelieden en hun hond zijn Woensdag bij Cahorepoint aan de Zuid-lerse kust over een zandbank naar de wal gelopen, toen hun schip, de 250 ton metende kustvaarder „MINORCA” uit Groningen, tijdens een storm aan de grond was gelopen. Het schip, waarvan de heer E.W. van der Molen kapitein is, had beschutting gezocht in de baai, doch het anker was gaan krabben en het schip strandde. De mannen, van wie er geen werd gewond, zeiden te vrezen, dat het schip zou breken, als de storm nog lang zou duren. De „Minorca” was met een gemengde lading onderweg van Rouaan naar Liverpool.
Het Vrije Volk 08-02-1955: MINORCA nog altijd niet vlot. De Deense sleepboot „Sigyn” is gisteren vertrokken om te proberen de Nederlandse kustvaarder „Minorca” die twaalf dagen geleden tijdens een storm bij Cahore aan de grond liep, vlot te slepen. Kapitein E. W. van der Molen, die ook eigenaar van de „Minorca” is, is met zijn Duitse herder Jan als enige metgezel op zijn schip gebleven. Zijn bemanning logeert aan land.
1955-02-12: Het Vrije Volk 12-02-1955. „MINORCA” na zware reis in veiligheid. (Van een onzer verslaggevers) De bemanning van de Groningse kustvaarder „Minorca” heeft er één van de beroerdst denkbare reizen opzitten, twaalf dagen heeft het 250 ton metende schuitje vastgezeten op de klippen van de lerse zuidkust nabij St. Hero Poit. Nu ligt de coaster op de werf van Vuyk en Zonen te Capelle aan den IJsel, waar het schip vanmorgen om tien uur rust vond aan sterke kabels. Het ligt er te midden van een vloot van kusters-in-reparatie. Het was bijzonder zwaar weer, vertelde de 24-jarige machinist K. Adolfs. De „Minorca” was op weg van Rouaan naar Liverpool, toen het in het Kanaal nabij Lands End bij felle stormen trachtte weg te lopen naar de zuidkust van lerland. Die vlucht voor de noordooster slaagde en een mijl buiten de kust ging de boot voor anker. Maar op die Woensdagavond van de 25ste Januari draaide de wind naar oost en de „Minorca” werd hevig geteisterd. Weldra lieten de ankers los en onbestuurbaar in de hoge zeeën dreef het kleine schuitje in de kokende oceaan naar het gevaarlijke klippengebied van St. Hero Point. Daar werd de boot op het strand geworpen. Bij laag water lag de „Minorca” op het droge. Een sleepboot uit Kopenhagen verleende assistentie en de Denen slaagden erin (het was toen reeds Maandag geworden) de „Minorca” op zee te brengen. Dinsdags kon men, na de schade en de lekkage te hebben vastgesteld, de sleepreis naar Rotterdam beginnen. Ook die sleepreis is geen pretje geweest. Men zat op een wrakke schuit en het weer was en bleef bar. Zo erg, dat de kombuiskachel tegen de grond werd geslingerd en men zelfs een dag zonder warm eten zat. Vooral op het laatste stuk van deze tocht, op de Noordzee kreeg de „Minorca” het nog zwaar te verduren en de vijf bemanningsleden slaakten een zucht van verlichting, toen ze eindelijk de Nieuwe Waterweg binnen waren en in de Rijnhaven voor de kade kwamen. Kapitein E. van der Molen hoopt zulk een reis niet weer mee te maken en zo zal zijn hond Nora, die met hem al die dagen aan boord is gebleven, er ook wel over denken. De “Minorca” is vanmorgen op de helling gegaan. Het schip heeft nogal wat schade opgelopen en dat is geen wonder na twaalf dagen door wilde zeeën te zijn gebeukt, waarbij het op de rotsen vastliep.
1959-01-30: NvhN 30-01-1959: De „MINORCA” bij Dover aan de grond. Het 200 ton metende kustvaartuig „Minorca” uit Groningen is in de vroege ochtenduren van vandaag in de dichte mist tussen Dover en Deal aan de grond gelopen. De reddingboot van Dover is uitgevaren om assistentie te verlenen. De bemanning van de „Minorca” is aan boord gebleven in de hoop, dat het schip bij hoog water zal loskomen. Aan boord van het schip bevinden zich zeven personen, namelijk vijf bemanningsleden, de vrouw van de kapitein en een baby. De “Minorca” is met 250 ton staal onderweg van België naar de Engelse haven Poole.
NvhN 31-01-1959: De „Minorca” is weer vlot. Het 200 ton metende kustvaartuig „Minorca” uit Groningen, dat in de vroege ochtenduren van gisteren in de dichte mist tussen Dover en Deal aan de grond liep, is in de namiddag vlotgekomen. Het schip heeft zeven uur vastgezeten.
2014-07-00: Staat 07-2014 in Equasis als in Service (last update 17-06-2014).

Afbeeldingen


Omschrijving: De proefvaart en oplevering van de Setas op 3 sept. 1935
Gemaakt door: Foto Schepel, Delfzijl
Onderwerp: Proefvaart

Omschrijving: Setas 1935 on her deliveryday 03.09.1935.
Gemaakt door: Foto Schepel, Delfzijl

Omschrijving: SETAS - tewaterlating 27 juli 1935
Gemaakt door: Unknown
Onderwerp: Tewaterlating

Omschrijving: Setas (bj 1935)
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: Setas at Härnösand.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Minorca 1935 (ex Setas)
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: Minorca 1935 (ex Setas) ashore St. Margarets Bay.
Gemaakt door: Callis, J.G. (John)

Omschrijving: De Minorca (ex Setas) gestrand nabij Cahore Point, Ierland (25-01-1955)
Gemaakt door: Unknown
Onderwerp: Stranding

Omschrijving: De Minorca (ex Setas) onder de Deense vlag
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Minorca 1935 (ex Setas)
Gemaakt door: Louwerse, C.

Omschrijving: Lemnos 1935 ex Evdoxoula ex Minorca ex Setas.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Alonissos 1935 (ex Lemnos ex Evdoxoula ex Minorca ex Setas)
Gemaakt door: Unknown