Inloggen
MUDO - ID 4412

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1950
Classification Register: Lloyd's Register of Shipping (LR)
IMO nummer: 5040641
Nat. Official Number: 2586 Z GRON 1950
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo
Type Dek: Raised quarter deck
Masten: Two masts
Rig: 2 derricks
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: E.J. Smit & Zn.'s Scheepswerven N.V., Westerbroek, Groningen, Netherlands
Werfnummer: 717
Launch Date: 1950-10-10
Delivery Date: 1950-12-06
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Appingedammer Bronsmotorenfabriek, Appingedam, Groningen, Netherlands
Motor Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 6
Power: 360
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Brons Nr. 10100 Type 6ED (290x450)
Speed in knots: 11
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 400.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 252.00 Net tonnage
Deadweight: 560.00 tonnes deadweight (1000 kg)
 
Length 1: 50.00 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 45.54 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 8.20 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.68 Meters Depth, moulded
Draught: 3.19 Meters Draught, maximum
Ship History Data

Date/Name Ship 1950-11-29 MUDO
Manager: Carebeka N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Sjoerd Dost, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PGBJ

Date/Name Ship 1958-04-09 MUDO
Manager: Erven Sjoerd Dost, Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Rederij 'Mudo', Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PGBJ

Date/Name Ship 1959-06-27 BEN VOOAR
Manager: Bernard T. Swales, Ramsey, Isle of Man
Eigenaar: The Ramsey Steamship Company Ltd, Ramsey, Isle of Man
Shareholder:
Homeport / Flag: Ramsey / Isle of Man
Callsign: GDZE

Date/Name Ship 1976-00-00 ARRAN FIRTH
Manager: Le Blond Shipping Co., South Shields, Great Britain
Eigenaar: Le Blond Shipping Co., South Shields, Great Britain
Shareholder:
Homeport / Flag: Ramsey / Isle of Man
Callsign: GDZE

Date/Name Ship 1981-00-00 SINDBAD VI
Manager: Sinbad Shipping Co., Dubai, United Arab Emirates
Eigenaar: Sinbad Shipping Co., Dubai, United Arab Emirates
Shareholder:
Homeport / Flag: Dubai / United Arab Emirates
Callsign: AGE2134

Date/Name Ship 1981-00-00 ARRAN FIRTH
Manager: St. Ives Motor & Marine (Cornwall) Ltd., Panama, Panama R.P.
Eigenaar: St. Ives Motor & Marine (Cornwall) Ltd., Panama, Panama R.P.
Shareholder:
Homeport / Flag: Panama / Panama R.P.
Callsign: HO3640

Date/Name Ship 1982-00-00 SUHAIL STAR
Manager: Mohammed Abdalla Al Kaabi, Dubai, United Arab Emirates
Eigenaar: Mohammed Abdalla Al Kaabi, Dubai, United Arab Emirates
Shareholder:
Homeport / Flag: Dubai / United Arab Emirates
Callsign: AGE2134

Ship Events Data

1950-00-00: Naam MUDO afgeleid van Teuna Muller en Sjoerd Dost (kap.eig. overleden 1957).
1950-11-30: Op 30-11-1950 als MUDO, zijnde een stalen motorschip, groot 1133.03 m3 bruto inhoud volgens meetbrief 's Gravenhage d.d. 28-11-1950 no. 8303, liggende te Westerbroek, door J. Frik, scheepsmeter te Groningen, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 2586 Z GRON 1950 op het achterschip aan S.B. zijde in achterkant dekhuis op verhoogd achterdek, 3.57 m. uit hekplaat, 1.65 m. uit lengteas en 1.60 m. boven dek.
1950-12-06: NvhN 07-12-1950: Proefvaart m.s. MUDO. Op de Eems heeft gisteren de goed geslaagde proefvaart plaats gehad van het nieuwe motorkustvaartuig Mudo, dat bij de Scheepswerf E. J. Smit en Zn. te Westerbroek werd gebouwd voor rekening van de rederij S. Dost te Groningen. Tijdens de proefvaart behaalde het schip een snelheid van plm. 10 mijl. De Mudo zal naar Emden vertrekken om oud ijzer te laden voor Engeland.
1950-12-09: Bijvoegsel van de Nederlandse Staatscourant van Vrijdag 28 December 1951, no.251.
No.74 Uitspraak van de Raad voor de Scheepvaart in zake de aanvaring van het motorschip „Evertsen" met het oplopende motorschip „Mudo" benoorden Schiermonnikoog. Betrokkene: L. C. Jonker, kapitein motorschip „Mudo". Op 9 December 1950 is het motorschip „Evertsen", dat op reis was van Rafsö naar Caen, toen het benoorden Schiermonnikoog varende was tussen ET. 16 en 15, in aanvaring gekomen met het motorschip „Mudo", dat, op de reis van Delfzijl naar Swansea, de „Evertsen" opliep. In overeenstemming met het voorstel van de inspecteur-generaal voor de scheepvaart besliste een commissie uit de Raad voor de Scheepvaart, als bedoeld in artikel 29 der Schepenwet, dat de Raad een onderzoek zou instellen naar de oorzaak van deze aanvaring. Het onderzoek heeft plaats gevonden ter zitting van 14 November 1951, in tegenwoordigheid van de inspecteur voor de scheepvaart J. Metz. De Raad nam kennis van de stukken van het voorlopig onderzoek der Scheepvaartinspectie, waarbij processen-verbaal van de verhoren van de kapitein, de stuurman en de roerganger van de „Evertsen" en van de kapitein en de roerganger van de „Mudo", en hoorde de kapitein L. C. Jonker. Vóórdat het verhoor van deze getuige aanving, besliste de Raad, op voorstel van de inspecteur voor de scheepvaart, dat het onderzoek tevens zou lopen over de vraag, of de ramp wellicht mede te wijten is aan de schuld van de kapitein van de „Mudo", L. C. Jonker, wonende te Groningen. De voorzitter deelde aan getuige 's Raads beslissing mede en wees hem er op, dat hij thans in de positie van betrokkene was komen te verkeren en gelegenheid had, alles tot zijn verdediging aan te voeren, hetgeen hij daartoe dienstig zou achten, terwijl hem het laatste woord zou worden gelaten. Betrokkene had geen bezwaar, dat het onderzoek terstond werd voortgezet. Op 19 September 1951 is ingevolge bevoegdheid uit artikel 12 van het Koninklijk besluit van 17 December 1932, S. 621, door het gewone lid C. II. Brouwer gehoord J. van Hoven, destijds stuurman motorschip „Evertsen". Uit de verklaringen en bescheiden is de Raad het volgende gebleken : Het motorschip „Evertsen" is een Nederlands schip, toebehorende aan J. Vermaas, te Rotterdam. Het meet 391 bruto-registerton en wordt voortbewogen door een 250 pk Deutz-motor en een linkse schroef. De „Mudo" is eveneens een Nederlands schip en behoort toe aan S. Dost, te Groningen. Het schip meet 399,9 bruto-registerton en wordt voortbewogen door een 375 pk Brons-motor en een rechtse schroef. Het motorschip „Evertsen" was op 3 December 1950 vertrokken van Rafsö naar Caen. Het was beladen met gezaagd hout; de deklasthoogte was 2,55 m. De diepgang was vóór 9'2", achter 10'8". Inclusief de kapitein bestond de bemanning uit 8 personen. Op 9 December 1950 te 2.00 uur werd de Huibertgat-brulboei op korte afstand gepasseerd en werd verder gevaren in de ET.route. Het was goed helder weer, de wind was Z.W. 2, de zee licht golvend. De navigatielichten brandden helder. Op de brug bevonden zich de stuurman en een uitkijk. De stuurman stond aan het roer; vandaar heeft men een vrij uitzicht, zowel naar voren als naar achteren. De koers was 259° r.w,, de vaart volle kracht, ongeveer 7 mijl per uur; er was vrijwel geen stroom. Van de zijde van de „Evertsen" is verder verklaard, dat men te 3.00 uur opgelopen werd aan b.b.-zij door een ander schip, dat later bleek het motorschip „Mudo" te zijn. Men zag de lichten op 2 streken van achteren. Toen dit schip op vrijwel evenwijdige koers op 2 streken achterlijker dan dwars was gekomen, bescheen men vandaar de „Evertsen" enige keren met een zoeklicht. Toen de „Mudo" dwars was aan bakboord, was de afstand ongeveer 2 scheepslengten. Toen de „Mudo" op 4 streken aan bakboord was gekomen, nam men vanaf de brug van de „Evertsen" waar, dat het andere schip naar stuurboord draaide en ging liggen op ongeveer 290° r.w. Toen daardoor de voorsteven van de „Mudo" de „Evertsen" tot op korte afstand naderde, gaf de stuurman van laatstgenoemd schip hard s.b.-roer en een korte stoot op de fluit en toen het roer aan boord lag, zette hij de motor op volle kracht achteruit; de motor sloeg direct aan. Het was toen 3.10 uur. Men nam waar, dat de „Mudo" nu bakboord begon uit te draaien, maar men kon niet voorkomen, dat s.b.-midscheeps van dit schip in aanraking kwam met b.b.-bak van de „Evertsen", die toen weinig vaart meer had. Het achterschip van de „Mudo" schuurde nog langs de b.b.-zij van het andere vaartuig, maar dan waren de schepen vrij van elkaar. Na de eerste aanraking draaide de „Evertsen" meer stuurboorduit. De stuurman van de „Evertsen" stopte dan de motor; hij heeft niet opgemerkt of de „Mudo" met de motor heeft gemanoeuvreerd. De kapitein van de „Evertsen" kwam nu boven, wakker geworden door de schok, en zag het achterschip van de „Mudo" dwarsop aan bakboord, op ongeveer 40 m afstand; dat schip lag toen ongeveer zuid voor. De „Mudo" werd gepraaid en gaf haar naam op. De „Evertsen" bleek geen water te maken, maar de verschansing en enige stringerplaten waren ingezet; de deklast was niet verschoven. Van de zijde van de „Mudo" is verklaard, dat dit schip op zijn eerste reis op 8 December 1950, beladen met ijzergrond, van Delfzijl vertrok, met bestemming Swansea. De diepgang was vóór 3,15, achter 3,20 m. Op 9 December te 2.00 uur werd de loods ontscheept. Te 2.45 uur werd ET. 16 op korte afstand aan bakboord gepasseerd. De koers was west, deviatie nul. Het schip liep volle kracht, 9 mijl per uur. Het zicht was ongeveer 4 mijl. De navigatielichten brandden helder. Op de brug bevonden zich de kapitein en een roerganger. Het schip was goed bestuurbaar, maar men moest voortdurend op het roer letten. Na ET. 16 werden 2 schepen opgelopen. Eerst werd het motorschip „Frederik" op 75 tot 100 meter afstand gepasseerd. Vóórdat het volgende schip, dat later bleek het motorschip „Evertsen" te zijn, dwars was, bescheen de kapitein dat schip met de Aldis-lamp om de naam op te nemen. Toen men te 3.00 uur de „Evertsen" dwars aan stuurboord had, op ongeveer 100 meter afstand, gaf de kapitein order aan de roerganger ET. 15 even aan bakboord te houden; de koers behoefde daarvoor nagenoeg niet gewijzigd te worden. De kapitein ging toen — hij had gezien, dat het schip de goede koers voorlag —, even naar de kaartenkamer om het karakter van ET. 15 in de kaart na te gaan. Toen de kapitein even later weer op de brug kwam, zag hij, dat de „Evertsen" ongeveer 3 streken van haar koers afweek naar bakboord en naar de „Mudo" toescheerde. Hij hielp terstond de roerganger het roer bakboord draaien. Vóórdat het roer bakboord werd gedraaid, heeft de kapitein niet opgemerkt welke koers de „Mudo" toen voorlag; hij meende, dat zijn schip op koers lag. De „Mudo" draaide hard bakboorduit; er was geen geluidssein gegeven. Een aanvaring kon niet worden voorkomen. De „Evertsen" raakte met haar kop s.b.midscheeps van de „Mudo", waardoor de verschansing werd verbogen. Even vóór de aanvaring hoorde de kapitein, dat de „Evertsen 2 korte stoten gaf. Toen de schepen vrij van elkaar waren, stopte de „Mudo" de motor en werd de „Evertsen" gepraaid. Daar beide schepen slechts licht waren beschadigd, konden ze hun reis voortzetten. De „Evertsen" passeerde ET. 15 te 3.15 uur. De stuurman van de „Evertsen" heeft bij zijn verhoor op 19 September 1951 verklaard, dat hij tijdens de aanvaring aan het roer stond. Hij deed op zijn wacht om beurten met de matroos van de wacht roertorn en uitkijk. De „Evertsen" stuurde goed. Getuige zag de „Mudo" voor het eerst, toen dit schip 4 streek achterlijker dan dwars aan bakboord was. Even later werd de brug verblindend vanaf de „Mudo" beschenen. De „Mudo" liep de „Evertsen" langzaam op; de afstand was dwars 50 a 100 meter. Getuige had de indruk, dat beide schepen langs evenwijdige koerslijnen voeren. Toen de „Mudo" 4 streek voorlijker dan dwars was, liep zij plotseling naar stuurboord vóór de „Evertsen" over. Getuige heeft niet aan het sturen bemerkt, dat zuiging optrad, maar heeft niet op dit moment op het kompas gekeken, nooh gelet op boei ET. 15, die recht vooruit was. Getuige draaide terstond het stuurrad enige torns over naar stuurboord en gaf 1 korte stoot. Toen bleek, dat de „Mudo" desondanks vóór de boeg kwam, heeft getuige de telegraaf op volle kracht achteruit gezet. De machinist voerde onmiddellijk deze order uit, maar de schepen kwamen met elkaar in aanvaring; s.b.-midscheeps van de „Mudo" raakte de „Evertsen" achter de bak; daarna raakte het achterschip van de „Mudo" de „Evertsen" nog bij het want. Na de aanvaring stopte de „Evertsen"; bij de aanvaring was de vaart nog ongeveer 6 mijl. Van machinemanoeuvres van de „Mudo" is niets bemerkt. Hoewel het eerst leek, dat de „Mudo" de reis vervolgde, kwam zij weldra naderbij en werden door praaien de nodige gegevens uitgewisseld. Getuige voegde hieraan toe, dat het hem opviel, dat, toen de „Mudo" dwars was, het licht in haar stuurhuis brandde. Ter zitting heeft de kapitein van de „Mudo" verklaard, dat hij de „Evertsen" even bescheen met de Aldis-lamp, omdat hij meende met een hem goed bekend schip te doen te hebben. Betrokkene ging, toen de „Mudo" vrijwel recht op ET. 15 aanlag, naar de kaartenkamer om het karakter van die boei na te gaan. Toen hij na enige minuten op de brug terugkwam, zag hij, dat de „Evertsen" naar hem toe draaide. De roerganger, een matroos o.g. van 16 jaar, had de kapitein niet tevoren gewaarschuwd. Betrokkene hielp direct het roer bakboord aan boord te draaien en heeft niet gelet op de koers en ook niet opgemerkt of de boei nog vooruit was. De inspecteur voor de scheepvaart heeft aangevoerd, dat de aanvaring tussen de „Mudo" en de „Evertsen" te wijten is aan het feit, dat de „Mudo" bij het oplopen van de „Evertsen" dit schip te' weinig ruimte liet. Er is weliswaar gezegd, dat de koersen evenwijdig liepen, maar door het ene schip wordt als koers west, door het andere 259° opgegeven. Waarschijnlijk heeft tijdens het passeren een der schepen gegierd. De inspecteur geeft nogmaals de waarschuwing, dat bij het oplopen voldoende ruimte tussen de schepen moet worden gelaten. Daar betrokkene blijk geeft zijn fout te begrijpen, stelt de inspecteur de Raad voor geen maatregel tegen betrokkene te nemen. Het oordeel van de Raad luidt als volgt: Bij het oplopen van het motorschip „Evertsen” door het motorschip „Mudo" heeft dit laatste schip zo weinig ruimte gegeven, dat, toen een der schepen door enige oorzaak van de koers gierde, een aanvaring hiervan het gevolg was. Daar op geen der schepen vóór de aanvaring de kompaskoers is opgenomen, kan niet met zekerheid worden vastgesteld, welk schip van zijn koers is afgeweken en de aanvaring heeft veroorzaakt. De Raad neemt niet aan, gezien de afstand tussen beide schepen tijdens het passeren van ongeveer twee scheepslengten en de diepte ter plaatse van 20 m, dat zuiging is opgetreden. Verder keurt de Raad af, dat van een schip, buiten noodzaak, de brug van een ander schip met een zoeklicht of de Aldis- lamp wordt beschenen. De Raad acht het niet nodig enige strafmaatregel te nemen tegen de kapitein van de „Mudo", Lambert C. Jonker, geboren 14 Februari 1910, wonende te Groningen. Aldus gedaan door de heren mr. A. Dirkzwager, tweede plv. voorzitter, C. H. Brouwer, S. Vlietstra en K. R. Bosma, leden, in tegenwoordigheid van 's Raads secretaris mr. A. Boosman, en uitgesproken ter openbare zitting van de Raad van 21 December 1951. (Get.) A. Dirkzwager; A. Boosman.
1951-05-05: 05-05-1951, liggend bij Scheepswerf Vuyk, bodemschade geconstateerd. Schade is ontstaan te Roscoff, Frankrijk.
1955-04-00: 19-04-1955 in time charter bij Scheepvaart & Steenkolen Maatschappij (S.S.M.) Rotterdam. 07-07-1955 Einde time charter.
1958-04-09: De leden van de Rederij motorschip MUDO zijn: Hinderkien Dost, z.b. te Arnhem, Dr. Nicolaas Dost, chemicus te Heemstede, Harm Dost, bodemdeskundige te Paramaribo en Annchien Dost te Rijswijk, elk voor 1/4 deel.
1975-00-00: In 1975 schade opgelopen nabij Inishowan Head.
1984-07-00: Final Fate:
Op 14.07.1984 vastgelopen op een onderwater object, lek geraakt en gestrand bij Bandar Quronn in pos. 21.25.12. N - 59.00.O.

Afbeeldingen


Omschrijving: Mudo 1950 on her deliveryday 06.12.1950.
Gemaakt door: Foto Dijkstra, Delfzijl

Omschrijving: Mudo (bj 1950)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Ben Vooar 1950 ex Mudo.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Arran Firth 1950 ex Ben Vooar ex MUDO.
Gemaakt door: Unknown