Inloggen
PRINS WILLEM V - ID 5313


Kroniekberichten

Datum 08 augustus 1896
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 07 augustus. Voor de Koninklijke West-Indische Maildienst is aan de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij alhier de bouw opgedragen van een stoomschip, dat de naam PRINS WILLEM V zal dragen.

Afbeelding
Datum 08 april 1897
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 7 april. Volgens rapport van het Britse consulaat te Paramaribo in dato 24 maart, zal de directie van de Koninklijke West-Indische Maildienst met het oog op de versnelde dienst tussen Engeland en Suriname via Barbados, vanaf september a.s. een veertiendaagse dienst instellen tussen Nederland en Suriname. Het wordt daartoe in staat gesteld doordat het nieuwe stoomschip, dat in aanbouw is, dan gereed zal zijn (opm: PRINS WILLEM V).

Afbeelding
Datum 21 augustus 1897
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

IJmuiden, 20 augustus. Heden vertrok van hier voor proeftocht naar Nieuwediep het door de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij te Amsterdam voor de Koninklijke West-Indische Maildienst aldaar nieuw gebouwde mailstoomschip PRINS WILLEM V.

Afbeelding
Datum 05 augustus 1899
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 4 augustus. Volgens bij de directie der Koninklijke West-Indische Maildienst ontvangen telegram uit Paramaribo, zit het Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V op de Suriname-rivier aan de grond. Het moet lossen om vlot te komen.

Afbeelding
Datum 16 augustus 1899
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 augustus. Uit Demerara wordt aan Lloyd’s geseind, dat het s.s. PRINS WILLEM V te Suriname aan de grond kwam, doch dat het na het lossen van een deel der lading vlot werd.

Afbeelding
Datum 29 augustus 1899
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 28 augustus. Volgens bij de directie van de Kon. West-Indische maildienst ontvangen bericht is de stuurboords stoomleibuis van het Nederlandse s.s. PRINS WILLEM V, gesprongen. Twee stokers zijn gekwetst. Het schip stoomt met bakboordsketel naar IJmuiden. De toestand der gekwetsten is bevredigend.

Afbeelding
Datum 29 augustus 1899
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 28 augustus. Het s.s. PRINS WILLEM V, van de Kon. West-Indische Mail, waarvan gemeld is dat het met een gesprongen ketel te Dungeness voor anker was gegaan, is onder eigen stoom te IJmuiden binnengekomen. Niet de ketel, maar een buis van de stoomleiding was gesprongen. Uit IJmuiden was voor alle zekerheid een sleepboot tegemoet gezonden. De toestand van de twee bij het ongeval gewonde stokers is, volgens een door de directie ontvangen telegram, bevredigend.
Hedenavond half zeven wordt het stoomschip te Amsterdam verwacht.

Afbeelding
Datum 29 augustus 1899
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Omtrent het ongeluk, het stoomschip PRINS WILLEM V der Koninklijke West-Indische Mail, overkomen, kan nog het volgende worden medegedeeld:
Zondagmorgen (opm: 27 augustus) om half zeven, tussen Havre en Dungeness, is met een geweldige slag de hoofdstoompijp van de stuurboordsketel gesprongen. De eerste machinist bevond zich met de olieman in de machinekamer, deze beiden bekwamen geen letsel. De stoker Jan Wiekamp en de tremmer Jacob Bakker echter, die op de plaat werkzaam waren, moesten met levensgevaar door de ontsnappende stoom naar dek vluchten. Met brandwonden overdekt, werden zij bij de scheepsdokter gebracht. Het schip ging in volle zee voor anker om de toestand van ketels en machines te onderzoeken. Het bleek, dat men, stomende op de tweede ketel, verder kon gaan. Aldus werd met eigen krachten zondagavond om 7 uur Dungeness en hedenmiddag 3 uur IJmuiden bereikt. Het schip liep nog een vaart van 7 mijlen. Wiekamp is per brancard naar het Binnengasthuis vervoerd; Bakker, die lopen kon, is met zijn vrouw naar huis gegaan.

Afbeelding
Datum 06 januari 1903
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Caracas, 4 januari. Toen het s.s. PRINS WILLEM V La Guaira aandeed, zonden de overheidspersonen een kleine boot met Europese mails erheen. De Engelse kruiser hield echter die boot aan, en de postambtenaren zeggen dat in weerwil van hun protest de postzakken aan boord van de kruiser geopend zijn.

Afbeelding
Datum 04 april 1908
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 3 april. Het stoomschip PRINS WILLEM V van de Koninklijke West Indische Maildienst, vertrok vanmogen van de De Ruyterkade naar de West, maar even nadat de boot de steiger had verlaten geraakte de machine onklaar, zodat de kapitein zich verplicht zag het anker te werpen. Enige werklieden van het droogdok werden ter assistentie gezonden, en toen bleek, dat de schade aan de machine aanzienlijk was: de deksel van de hogedruk cylinder was gesprongen, zodat het schip de reis niet kon voortzetten. Door sleepboten werd het teruggesleept naar de steiger. De passagiers bleven in afwachting van nadere orders aan boord. Zeer waarschijnlijk zal het vertrek eerst morgen plaats vinden.

Afbeelding
Datum 05 april 1908
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Amsterdam, 4 april. Het stoomschip PRINS WILLEM V is hedenmorgen na herstel van de schade vertrokken en was om 9,20 uur in zee.

Afbeelding
Datum 07 januari 1911
Krant NNO - Nieuwsblad van het Noorden

Stoomschip „PRINS WILLEM V”. Naar aanleiding van een vraag, waarom in de scheepsberichten nog niets gemeld is van het stoomschip PRINS WILLEM V van de Koninklijke West-Indische Maildienst, op 23 december van Amsterdam naar Paramaribo vertrokken, wendde het „N. v.d. D.” zich om inlichtingen tot de directie van de Maatschappij.
Men deelde mee, dat er op het ogenblik nog in het geheel geen reden voor ongerustheid
behoeft te zijn. Volgens berekening moet het schip Ouessant en de Azoren gepasseerd
zijn, doch het gebeurt zeer dikwijls, dat schepen deze plaatsen passeren en niet gemeld
worden. Mist is dan veelal de oorzaak, dat zij niet opgemerkt worden. Thans wordt vóór 13 januari geen bericht over de PRINS WILLEM V door de directie verwacht.

Afbeelding
Datum 16 januari 1911
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Rotterdam, 14 januari. Naar aanleiding van de geruchten welke de ronde doen omtrent de PRINS WILLEM V, kunnen wij meedelen dat de directie van de K.W.I.M. op het ogenblik niet de minste vrees koestert. De boot had de 11e te Paramaribo moeten aankomen, doch het komt herhaaldelijk voor, vooral in deze maanden van het jaar, dat de boten niet op juiste datum arriveren. Tevens voegen wij hieraan toe dat de telegraafkabel op Paramaribo gestoord is, zodat alle telegrammen van en naar Paramaribo over Martinique verzonden worden en deze wijze van verzending grote vertraging ondervindt. Op deze boot bevinden zich 2 passagiers, de heren H.W. Dahlberg en H. Yzelendoorn. De gezagvoerder van de PRINS WILLEM V is de heer J. Aarnts.

Afbeelding
Datum 17 januari 1911
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Rotterdam, 14 januari. Het stoomschip PRINS WILLEM V, waarover men ongerust was en waarop te Londen herverzekering werd gesloten tot 5 procent, is 10 januari behouden van Amsterdam te Paramaribo aangekomen.

Afbeelding
Datum 07 juli 1911
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De internationale staking van zeevolk.
Te Amsterdam. Kattenburg bood in de vooravond hetzelfde beeld als overdag. Het geregeld tramverkeer was nog niet hersteld, en de troepen kampeerden nog altijd In de open lucht. Op het Kattenburgerplein stonden de eetketels op straat; de soldaten hadden hun middagmaal op straat gebruikt. Honderden nieuwsgierigen drentelden in de omgeving op en neer, maar tot het brandpunt van het verzet kregen zij geen toegang. Alleen voor de bewoners was het verkeer opengesteld.
Ook in de na-avond bleef het ogenschijnlijk rustig In de buurt. In de loop van de avond hadden wij een onderhoud met een van de bestuurders van de Alg. Ned. Zeeliedenbond, Markman genaamd, op het kantoor van die bond in do Kattenburger voorstraat. Dit kantoor wordt nog altijd door de marechaussee bewaakt. Wie er in zijn mogen er wel uit, maar de toegang tot het kantoor Is verboden.
Markman beklaagde er zich over dat de gewapende macht hem aldus belet voeling te houden met zijn medebestuurders, zodat het organisatorisch werk onmogelijk Is geworden. En zelf het kantoor verlaten durfde hij niet, omdat hij verantwoordelijkheid heeft voor de inventaris. Vanmiddag hadden in verband hiermede een drietal raadsleden o.a. de heer Van den Tempel een onderhoud gehad met de burgemeester, die toezegde te zullen overwegen, of er termen bestaan om de blokkade van het kantoor van de zeemansbond op te heffen. Wat aangaat het gebeurde in de nacht van woensdag op donderdag gaf Markman als zijn mening te kennen, dat het conflict opzettelijk door de gestelde wachten is uitgelokt, zien heeft, zei hij, een aanleiding gezocht om de stakers te isoleren. Naar de mening van deze bestuurder van de Zeeliedenbond zullen zich heden niet vele werkwilligen bij de directies van de «stoomvaarlijnen aanmelden. Daarentegen zullen alle categorieën, die, zoals hij het uitdrukte, buiten uren en contract werken, en nog niet in staking waren (hij noemde speciaal het personeel van de lastboten) het werk neerleggen. Daardoor zal het getal stakers met enige honderden worden uitgebreid.
Voorts toonde Markman ons een telegram van een van de bondscorrespondenten, volgens hetwelk gisteravond met de sleepboot KLARA 200 zogenaamde onderkruipers per rijnaak langs het Merwedekanaal over Vreeswijk worden aangevoeld. Bij informatie werd ons meegedeeld, dat de toestand van de ernstig gewonden naar omstandigheden redelijk is. Nader: Tot het ontvangen van het laatste van ons blad was op de Eilanden alles rustig. De Kattenburgerstraten waren afgezet en op de banken onder de bomen van het Kattenburger plein zaten de marechaussee en infanteristen. evenals voor de politie en brandweer-posthuis aan de Wittenburgergracht en aan de kazerne op het Mariniersplein. Hier stationeerden drie auto-ziekenwagens en personeel van de gemeentelijke geneeskundige dienst, gelukkig zonder dat deze dienst behoefden te doen. Omtrent middernacht is aan de Zeeburgerdijk een schot gelost.
Omstreeks 8 uur rukten uit de Oranje Nassau kazerne een detachement van het 5de regiment infanterie aan; ter versterking van de aanwezige troepen; het werd ingekwartierd in de Marinierskazerne.
Naar wij vernomen hebben de troepen woensdagavond 500 patronen verschoten.
- Wij vervoegden ons aan het Binnen-gasthuis en vernamen daar tot onze niet geringe verbazing van de portier, die angstvallig geheimzinnig was, dat wij niet voor morgen tussen 1 en 2 uur, zijnde het gewone spreekuur van de directeur omtrent de toestand van de gekwetsten Inlichtingen konden bekomen. Zodat wij hieromtrent thans nog niets kunnen meedelen.
De voornaamste rederijen te Amsterdam: de Stoomvaart Maatschappij Nederland, de Kon. Ned. Stoomboot Maatschappij, de Kon. Hollandsche Lloyd, de Kon. West Indische Maildienst, de Hollandsche Stoomboot Maatschappij en de Nieuwe Rijnvaart Maatschappij hebben thans, in een advertentie in de bladen, de arbeidswillige zeelieden en bootwerkers opgeroepen om de arbeid aan haar schepen en etablissementen te verrichten. Hieruit blijkt dus, dat waar is het gerucht, dat reeds sinds enige dagen liep en volgens hetwelk de rederijen dadelijk na het vertrek van president Fallères en de Koninklijke familie, ernstige pogingen zouden in het werk stellen om de voortgang van haar bedrijf te verzekeren.
De scheeps- en bootwerkersvereniging Recht en Plicht, afdeling Amsterdam, heeft gisteravond op grote schaal in de stad een kennisgeving doen verspreiden, waarin er op wordt gewezen, dat niemand zich mag aanbieden voor en aleer daartoe het sein van het bestuur komt. Aan het slot van de kennisgeving schrijft het bestuur: Vanaf morgenochtend wordt niets geen werk meer verricht in de Amsterdamse haven en moet dus ook al het particulier werk stil staan.
Gisteren Is binnengelopen de PRINS WILLEM V van de Kon. West-Indische Maildienst. Heden zal het volk afmonsteren; men verwacht dat het zich bij de stakers zal aansluiten. Het vertrek van de boot zou voor onbepaalde tijd zijn uitgesteld. Gistermiddag was men met lossen bezig. Nog is binnengekomen de SATURNUS van de K.N.S.M. die gemeerd ligt aan de kop van de Handelskade. Er werd door werkwilligen gelost.
Van de Holl. Stoomboot Maatschappij zijn weer 30 man aan het werk gegaan, en bij de K.N.S.M. weer 70 man.

Afbeelding
Datum 25 september 1912
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Vlissingen, 25 september. De 13e september ’s avonds, is nabij Dungeness (Engels Kanaal) de Vlissingse loodsschoener No. 9 in aanvaring geweest met een toen onbekend gebleven stoomschip. Dat stoomschip stoomde onmiddellijk weg en nam in het geheel geen notitie van het aangevaren schip, niettegenstaande door de loodsschoener naar de naam van het stoomschip werd gevraagd. Zelfs de jol werd uitgezet die het stoomschip nog na geroeid is, om verbinding met hetzelve te krijgen, doch tevergeefs; het stoomschip bleef doorvaren. Het mocht aan het loodsbestuur gelukken, het stoomschip te ontdekken en het bleek nu te zijn: Het Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V van de West-Indische Lijn. (Het stoomschip PRINS WILLEM V arriveerde 11 sept. van Paramaribo te Amsterdam).

Afbeelding
Datum 27 september 1912
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 september. Naar aanleiding van het bericht van de Vlissingse loodsschoener No. 9 met het stoomschip PRINS WILLEM V in ons ochtendblad van 26 dezer, heeft het Hbl. zich gewend tot de Koninklijke West-Indische Maildienst om inlichtingen. Van bevoegde zijde vernam het HBL. daar het volgende:
De dag na de botsing, kwam de PRINS WILLEM V te Amsterdam van Paramaribo binnen. De gezagvoerder heeft dadelijk de botsing gerapporteerd. Na een technische beschrijving omtrent de oorzaak van de aanvaring, welke volgens de gezagvoerder te wijten was aan het niet laten zien van de zijlichten op de loodskotter, rapporteert de kapitein, dat hij dadelijk na de botsing, waarbij de boegspriet van de kotter beschadigd werd, gestopt heeft. Nadat de gezagvoerder zich overtuigd had, dat het loodsvaartuig niet of slechts zeer weinig beschadigd was en hij begreep, dat gevaar voor de opvarenden uitgesloten was, stoomde hij door. De gezagvoerder deelde voorts nog mee, dat hij van het uitzetten van een boot niets gezien had. Op verzoek van de inspectie van het loodswezen, werd aan haar door de directie van de K.W.I.M. meegedeeld, hetgeen de gezagvoerder van de PRINS WILLEM V gerapporteerd had.

Afbeelding
Datum 15 oktober 1912
Krant AH - Algemeen Handelsblad

Raad voor de Scheepvaart. In zijn hedenmiddag onder voorzitterschap van mr. Pleyte gehouden zitting stelde de Raad voor de Scheepvaart een onderzoek in naar de oorzaak van de aanvaring op 13 september jl. tussen het stoomschip PRINS WILLEM V van de Koninklijke West-Indische Maildienst en de Vlissingse loodskotter No. 9.
Als eerste getuige werd gehoord J. de Bruin, kapitein van de PRINS WILLEM V. Getuige verklaarde te 12 uur 's middags uit Harbour te zijn vertrokken. Bij de aanvaring was getuige met de stuurman op de brug. De zee was kalm, de wind veranderlijk. Om 8.40 heeft getuige de loodskotter in het zicht gekregen en als zodanig herkend aan het schitterend witte licht. Toen lag de kotter op bakboordboeg van de PRINS WILLEM V op een afstand van vier a vijf mijlen. De kapitein heeft daarop per spreekbuis gelast, dat de machinist over een half uur zou stoppen. Getuige heeft bij de kotter geen boordlicht gezien. Toen de machine om negen uur stopte, dreef het schip nog vier a vijf minuten door. Getuige heeft toen gecommandeerd: bakboordroer, maar kon niet zeggen of de stuurman daartoe nog de tijd heeft gehad vóór de aanvaring plaats had. Na de aanvaring heeft de kotter naar de naam gevraagd van het stoomschip, en de kapitein van het stoomschip naar die van de kotter, zonder dat men elkander daarop heeft geantwoord. Getuige zag, dat de kotter met een lamp achter bij het stoomschip naar de naam keek. Getuige veronderstelde, dat de kotter toen de naam had gelezen. Als oorzaak van de aanvaring veronderstelde getuige het niet laten zien van de zijlichten op de loodskotter.
De tweede getuige H. Willemse, loods schipper 1e klasse te Vlissingen beweerde van het stoomschip het eerst het toplicht gezien te hebben om 8.45 en daarna een rood licht. De kotter was toen op drie mijl afstand van Dungeness. De zee was kalm, de wind ZW. De kotter lag voor over bakboordboeg. Door de kotter is toen een groen licht ontstoken, telkens afgewisseld door een rood licht. Twintig minuten later had de aanvaring plaats, waarbij de kotter aanzienlijke schade opliep. Daarop heeft getuige onmiddellijk een boot laten uitzetten, om de naam van het schip te weten te komen, toen hij op zijn vraag daarnaar geen antwoord had gekregen. Volgens getuige waren de zijlichten aan de kotter duidelijk zichtbaar en de vaart gering.
Verder werd gehoord W.J. Brandsma, stuurman 3e klasse, te Meppel. Getuige verklaarde vóór het ongeval de wacht te hebben gehad op de brug. De kapitein is gelijktijdig met hem op de brug gekomen. Het eerst heeft hij van de kotter gezien het witte licht. Bij de aanvaring was de vaart van het stoomschip zeer gering. Als oorzaak meende getuige te moeten opgeven, dat de kotter geen boordlichten heeft laten zien.
M.K. Hommes, matroos van de PRINS WILLEM V verklaarde, op de uitkijk te zijn geweest bij de aanvaring. Toen getuige het witte licht zag van de kotter heeft hij twee stoten als waarschuwingssignaal aan de kapitein gegeven. Gekleurd licht heeft hij niet gezien, slechts een kleine flambouw. Het witte licht zag hij meest vooruit, nu en dan even aan bakboord. De kotter is dwars tegen de PRINS WILLEM V aangekomen zonder grote schok, want de vaart was zeer gering.
De laatste, getuige. W. Koster, loods te Vlissingen, verklaarde op de loodskotter aanwezig te zijn geweest bij de aanvaring. Van het ogenblik, dat de kotter het stoomschip zag tot de aanvaring verliepen ongeveer 45 minuten. Vóór de aanvaring is door de kotter groen en rood licht ontstoken, evenals door de PRINS WILLEM V, die met rood licht de kotter aanvoer. Volgens getuige is door de kotter het groene licht ongeveer een half uur vóór de aanvaring het eerst getoond. Toen de aanvaring had plaats gehad, heeft de kotter naar de naam gevraagd van het stoomschip, dat daarop antwoordde, doch onverstaanbaar.
Later zal de Raad uitspraak doen. De op heden bepaalde uitspraken werden tot Iatere datum uitgesteld.

Afbeelding
Datum 09 november 1912
Krant AH - Algemeen Handelsblad

Raad voor de Scheepvaart. De PRINS WILLEM V en een loodskotter.
Ten slotte deed de Raad uitspraak inzake de aanvaring tussen de PRINS WILLEM V van de Kon. West-Indische Maildienst (opm: kapt. J. de Bruin) en de Vlissingse LOODSKOTTER No. 39 (opm: schipper H. Willemse), op 13 september jl. in de Noordzee. Naar 's Raads oordeel is de aanvaring te wijten aan schuld zowel aan de zijde van de schoener als aan de zijde van het stoomschip PRINS WILLEM V. De PRINS WILLEM V had, toen zij het loodssein voor IJmuiden gehesen had en de loodsschoener dit niet met een gelijk sein beantwoordde, dit laatste schip niet moeten gaan praaien, of, had zij daartoe ernstige redenen, zo voorzichtig moeten naderen, dat alle gevaar voor aanvaring uitgesloten was. Maar, gelijk gezegd, ook de schoener treft schuld. Deze had met het tonen van zijn boordlicht niet moeten wachten tot het stoomschip zo dicht genaderd was, dat er gevaar voor aanvaring begon te ontstaan, en in elk geval had men aan boord van dit vaartuig het boordlicht duidelijker, immers telkens gedurende langer dan 2 seconden, buiten boord moeten tonen. Enkel aan het feit, dat dit tonen telkens zo kort duurde — een feit door de daarmee belaste getuige erkend — kan het worden geweten dat men aan boord van de PRINS WILLEM V geen boordlicht van de schoener heeft opgemerkt en dus de positie van dit vaartuig niet dan toen het te laat was, heeft kunnen bepalen.

Afbeelding
Datum 05 augustus 1915
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Londen, 3 augustus. Het Engelse stoomschip RANZA is in de grond geboord. Negen man van de equipage werden gered door het van Amsterdam naar Paramaribo bestemde Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V.

Afbeelding
Datum 22 november 1915
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Rotterdam, 20 november. Volgens de Times is het Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V, van de Koninklijke West-Indische Maildienst, groot 2.108 ton bruto en 1.209 ton netto, in 1894 te Amsterdam gebouwd, 27 dezer te Londen voor 25.800 Pond St. gekocht door een firma van een met Engeland verbonden land.

Afbeelding
Datum 29 november 1915
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

De PRINS WILLEM V. Aan de Shipping Gazette ontlenen wij het volgend bericht omtrent de verkoop van het Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V:
Alles wel beschouwd een zeer goede prijs. Dit was het algemeen gevoel met betrekking tot de prijs (25.800 Pond St.) waarvoor de heer H.G. Kellock in de „Baltic Exchange" het Nederlandse stoomschip PRINS WILLEM V toewees aan de heren Todd en Co., die het kochten voor rekening van buitenlandse reders.
De PRINS WILLEM V is een stalen passagiers- en vrachtstoomschip van 2.108 bruto en 1.299 netto registerton en werd in 1897 in Nederland gebouwd. Het schip is 100 A 1 geklasseerd, kan ongeveer 2.055 ton dood gewicht laden, heeft triple-machines van 250 pk nominaal en inrichtingen voor 34 eerste en 8 tweede klasse passagiers. Het loopt ongeveer 10 knopen op 18¾ ton kolen en heeft permanente bunkerruimte voor ongeveer 410 ton, met ruimte voor ongeveer 180 ton extra kolen. Het stoomschip zal te Amsterdam worden overgedragen. Uit de voorafgaande algemene beschrijving blijkt, dat de PRINS WILLEM V een mooi schip is van zijn type en niet, om zo te zeggen, een „allemansschip". Als men er een zuivere vrachtboot van wilde maken, zou een belangrijke verbouwing noodzakelijk zijn. Juist op de geadverteerde tijd besteeg de heer Kellock het spreekgestoelte en vroeg onmiddellijk bijzondere attentie voor de drie bepalingen van de verkoop voorwaarden, waarin o.m. de nationaliteit van de kopers werd behandeld; „vijanden werden niet toegelaten.'' Bij handopsteken werd uitgemaakt de voorwaarden niet voor te lezen en het schip werd dadelijk ten verkoop aangeboden. Onmiddellijk kwam een bod van 10.000 P.St. van de heer Arthur Serena (messrs. Galbraith, Pembrake and Co.) gevolgd door andere biedingen. Een bod van 12.000 P.St. kreeg een aanmoedigend woord van hem, die de hamer zwaaide. Bij sprongen van 1.000 P.St. steeg het cijfer spoedig tot 25.000 P.St. en van daar ging het met 100 P.St. tegelijk de hoogte in (biedingen van 50 P.St. werden niet toegelaten). Bij 25.500 P.St. vuurde de heer Kellock de ijver van de mededingende bieders vrij aan en tenslotte werd het schip over 25.800 P.St. toegewezen. Het schip ziet er, te oordelen naar de foto, die er van werd tentoongesteld, mooi uit. Het heeft twee masten en twee ra’s aan de fokkemast. De inwendige inrichting was duidelijk weergegeven op een grote tekening, die eveneens voor het spreekgestoelte was tentoongesteld.

Afbeelding
Datum 20 januari 1916
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Amsterdam, 18 januari. Men verneemt dat de stoomschepen COLOMBIA, VENEZUELA en ECUADOR, van de Koninklijke West-Indische Maildienst te Amsterdam, resp. groot 5.643, 3.350 en 5.000 ton, de eerste twee in 1915 en de laatste in 1914 gebouwd, naar Noorwegen zijn verkocht. Reeds vroeger verkocht deze maatschappij de PRINS WILLEM V naar Frankrijk. Twee nieuwe schepen, elk van 4.200 ton, zijn in aanbouw.

Afbeelding