1893
NGRC 130493
Groningen, 11 april. Uitgezeild CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster naar Southampton.
NPGC 171093
Delfzijl. 13 oktober. Binnengekomen CATRIENA MAGRIETHA, Pinkster van Orh.
1894
NGRC 100294
Oostende, 8 februari. Uitgezeild CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster naar Ramsgate.
NNO 091194
Delfzijl, 6 november. Binnengekomen CATRIENA MAGRIETHA, Pinkster van Frederikstad.
1895
NVEC 080195
Delfzijl, 5 januari. Uitgezeild CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster naar Caen.
NNO 290995
Delfzijl, 25 september. Binnengekomen CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster van Stettin.
1896
NGRC 100196
Groningen, 8 januari. Uitgezeild CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster naar Ipswich.
WIN 181196
Delfzijl, 16 november. Binnengekomen CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster van Londen.
1897
RN 080197
Delfzijl, 6 januari. Uitgezeild CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster naar Yarmouth.
NRC 190397
Rotterdam, 18 maart. Volgens telegram van Lloyd’s is de tjalk CATRIENA MARGRIETA, kapt. Pinkster, van Schotland naar Christiania (opm: Oslo) met een lading kolen, in de Noordzee in zinkende toestand verlaten. De bemanning werd gered en te Hull geland door de trawler DUCHESS OF YORK.
NVEC 270497
Aberdeen, 22 april. Uitgezeild CATHARINA MAGRIETHA, Pinkster naar Christiania.
WIN 281297
Cowes, 22 december. Binnengekomen CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster van Groningen.
1898
WIN 100198
Cowes, 5 januari. Uitgezeild CATHARINA MAGRIETHA, Pinkster naar Groningen.
NNO 081298
Delfzijl, 3 december. De Nederlandse. tjalk CATRIENA MARGARIETHA, kapt. Pinkster, van Frederikstad naar Groningen, heden hier binnen, Woensdag de Ooster Eems ingekomen, was wegens tegenwind en stroom genoodzaakt te ankeren in de nabijheid der Zwarte ton gemerkt No. 5 Cachelotplaftt, wat in dit jaargetijde steeds zeer gevaarlijk is. Tengevolge van de hevigen storm is dan ook de sloep van het schip verloren gegaan.
1899
NVD 130399
IJmuiden, 15 maart. Uitgezeild CATRIENA MARGARIETHA, Pinkster naar Exeter.
NPGC 101199
Delfzijl, 8 november. Binnengekomen CATRIENA MARGARIETHA, Pinkster van (niet vermeld)
1900
NNO 020300
Delfzijl, 1 maart. Ter rede CATRIENA MARGARIETHA,Pinkster van Statenzijl naar Londen.
NVD 081200
Vegesack, 4 december. Binnengekomen CATHARINA MARGRIETHA, Pinkster van Bremen.
1901
NNO 010301
Vegesack, 26 februari. Uitgezeild CATHARINA MAGRIETHA, Pinkster naar Bremen.
NVEC 121001
Hamburg, 7 oktober. Binnengekomen CATHARINA MAGRIETHA, Pinkster van Londen.
1902
NGRC 150302
Bremerhaven, 13 maart. Uitgezeild CATRIENA MARGRIETHA, Pinkster naar Havre.
NPGC 241202
Granton, 19 december. Vertrokken CATRIENA MARGRIETHA, Pinkster naar Hadersleben.
1903
PGC 120203
Gothenburg, 9 februari. De Nederlandse kof CATRIENA MARGRIETHA, kapitein A. Pinkster, geraakte in de bocht bij Hallsvit tijdens stormweder bezet; zes in een boot begaven zich van land naar het schip om assistentie te verlenen. Deze boot kenterde, waardoor vier man verdronken. Zij behoorden allen te Hallsvik tehuis. De kof, die het anker had laten vallen, is later hier binnengekomen.
NVD 021203
Delfzijl, 29 november. Binnengekomen CATRIENA MARGRIETHA, Pinkster van Norden.
1905
PGC 030305
Delfzijl, 3 maart. De zeetjalk CATHARINA MARGARETHA (opm: ook CATHARINA MAGRIETHA), kapt. Pinkster, wegens ruw weer met verlies van boot en met dekschade die de eerste maart j.l. ter reede gearriveerd is, is heden in de haven gesleept en door Experts onderzocht. Het schip is ook lek, vermoedelijk bij de klinkbouten. De lading asfalt, ingenomen te Bremen en bestemd voor Portsmouth, zal hiervoor worden gelost en het schip worden gerepareerd.
PGC 180305
Delfzijl, 18 maart. De ijzeren tjalk CATHARINA MAGRIETHA, schipper Pinkster, op de reis van Bremen naar Portsmouth 2 maart j.l. hier lek binnengelopen (opm: zie PGC 030305), heeft gerepareerd en de geloste lading weer ingenomen. Bij gunstige gelegenheid zal de reis worden voortgezet.
NRC 011205
Delfzijl, 29 november. De Nederlandse tjalk CATHARINA MAGRIETHA, schipper Pinkster, met schade te Cuxhaven binnen (opm: zie NRC 261105), is vandaag naar hier vertrokken met assistentie van de sleepboot BORKUM.
1909
NRC 150709
Delfzijl, 14 juli. De tjalk CATRIENA MAGRIETA, bevaren door kapt. A. Pinkster, is voor geheime prijs verkocht aan J. Puister.
1912
NRC 190112
Uitspraak Raad voor de Scheepvaart (bijvoegsel Staatscourant)
Raad voor de Scheepvaart.
De Raad voor de Scheepvaart heeft heden behandeld het ongeval, in de nacht van 5 op 6 november jl. overkomen aan het tjalkschip CATRIENA MARGRIETHA, schipper en eigenaar J. Puister te Groningen. Het schip was op reis van Krageroe naar Oldersum met een lading hout, kreeg bij Hornsriff zwaar noodweer en verloor mast, zeilen en een gedeelte van de deklast, de matroos Ernst Bolhausen verdronk, het schip werd naar de Weser en vervolgens naar Oldersum gesleept, vanwaar het na lossing naar Nederland vertrok om te repareren. Schipper Puister, als getuige gehoord, verklaarde het dienstdiploma kleine vaart te hebben: zijn schip voert 3 voorzeilen en een grootzeil, het heeft zwaarden, een roer met rad en een ruim, dat behoorlijk afgedekt kan worden en waarin 299 kub. meter geladen kan worden. Het in het ruim geladen hout was goed gestuwd; de deklast goed gesjord; het schip lag niet te diep met 1½ voet uitwatering. De deklast belemmerde het zeilen niet, alleen kon de mast niet gestreken worden. Er waren 4 man aan boord, de kok, die onbevaren was, inbegrepen. Op 5 november werd het schip onhandelbaar door zwaar stormweer, waarom getuige wat deklast overboord wierp.
De president merkte op, dat daaruit blijkt, dat de deklast te hoog is geweest. In de vooravond kreeg het schip een breker dwars, die een gedeelte van de deklast meenam; de nacht daarop wierp een tweede breker de hele deklast door elkander en sleurde de Duitse matroos overboord. De schipper kreeg het zeil om zich heen en geraakte daardoor buiten westen; toen hij weer bij kennis kwam gevoelde hij zich niet in staat het schip verder overzee te brengen. De stuurman nam het commando over; het schip werd door een sleepboot opgepikt. De verklaring van de stuurman stemde hiermee overeen.
De uitspraak volgt later.
1915
RN 291215
Rotterdam, 28 december. Het Nederlandse zeilschip CATHRIENA MARGRIETHA, kapt. Puister, ligt te Karlshamn zeilklaar voor Karlskrona, om te laden voor Nederland.
1916
NNO 150116
Rodvig, 15 januari. Binnengekomen CATRIENA MAGRIETHA, kapt. Puister, van Karlskrona naar Schiedam met verlies van anker met 60 vadem ketting en andere kleine dekschade.
RN 040316
IJmuiden, 2 maart. De Nederlandse koftjalk CATRIENA MAGRIETHA, kapt. J. Puister, kwam donderdagmorgen na een reis van zes weken van Karlskrona te IJmuiden aan, met bestemming Schiedam. De tjalk was reeds voor de jongste sneeuwstorm voor Scheveningen gekomen doch door tegenwind en sneeuwstormen weer naar het noorden gedreven. Al die tijd heeft de tjalk op zee rondgedreven. Aan boord was alles wel. Van de deklading hout die door elkaar gesmeten was, ging niets verloren.
RN 060316
IJmuiden, 2 maart. Heden kwam hier binnen de Nederlandse zeetjalk CATHRIENA MARGRIETA, kapt. Puister, welke op reis van Karlskrona naar Schiedam met hout hier binnenliep om vervolgens via Gouda naar de bestemming verder te gaan. Naar kapitein Puister meedeelde had hij een reis vol wederwaardigheden en tegenspoeden achter de rug.
Op 8 januari, dus bijna twee maanden geleden, vertrok het schip uit Karlskrona en werd reeds bij het uitvaren van de Oostzee door een /zware storm belopen, waardoor een anker met 45 vadem ketting verloren werd. Ontkomen aan het gevaar van in de mijnenvelden te geraken liep men te Rödvig binnen, waar echter geen ander anker kon worden verschaft zodat dit van Kopenhagen moest komen.
Na twee weken in Rödvig te hebben gelegen zette men de reis voort en zwalkte vier weken op de Noordzee rond, dan eens storm en dan eens mooi weer meemakend. Bijna het einddoel bereikt hebbende was het schip tot bij Scheveningen gekomen, toen het opnieuw een storm moest doorstaan, waardoor het tot aan de Engelse kust werd terug geslagen. Na veel moeite kon men weer de Nederlandse kust bereiken en eindelijk hier binnenlopen. Het schip had nog enige schade over dek en aan de zeilen geleden. (zie vorig No.)
1917
RN 081117
Rotterdam, 7 november. Het zeilschip CATRIENA MAGRIETHA, kapt. Puister, is 4 november van Rotterdam te Gotenburg aangekomen.
1918
DMB 010218
Nieuwe Diep, 31 januari. Binnengekomen CATHARINA MARGARETHA, Puister met hout van Gotenburg naar Rotterdam.
>