1850
GRC 160450
Harlingen, 8 april. Uitgezeild VERTROUWEN, Ploeg naar Londen.
AH 081050
Cargalijst Amsterdam. VERTROUWEN, Ploeg van Wismar met 38 last garst.
1851
GRC 250351
Te Rendsburg, 18 maart, VERTROUWEN, Ploeg van Frederikstadt naar Kiel.
RC 151151
Helvoetsluis, 14 november. Binnengekomen VERTROUWEN, G.J. Ploeg van Neustadt.
1852
GRC 090352
Harlingen, 5 maart. Uitgezeild VERTROUWEN, Ploeg naar Engeland.
NRC 230452
Cuxhaven, 20 april. De Nederlandse tjalk VERTROUWEN, kapt. Ploeg, naar Odenzee (opm: Odense) bestemd, is hier binnengelopen en op de werf gehaald om nagezien te worden.
NRC 071252
Hamburg, 4 december. Binnengekomen VERTROUWEN, Ploeg van Hartlepool.
1853
AH 220153
Cuxhaven, 18 juni. Uitgezeild VERTROUWEN, Ploeg naar Londen.
RC 121153
Rendsburg, 7 november. Gepasseerd VERTROUWEN, Ploeg van Colberg naar Amsterdam.
1854
AH 220254
Hull, 17 februari. Aangekomen VERTROUWEN, Ploeg van Harlingen.
NRC 131154
Carolinerzyl (opm: Carolinensiel), 7 november. De Nederlandse tjalk VERTROUWEN, kapt. Ploeg, met een lading gerst van de Belt komende, is in zinkende staat in de Harle binnengelopen. Het schip heeft een gedeelte der lading onder Wangeroog in de JONGE JAN overgeladen en beide schepen zullen bij gunstig weder morgen hier henen gebracht worden.
NRC 191154
Carolinerzyl (opm: Carolinensiel), 13 november. Het schip VERTROUWEN, kapt. Ploeg – zie ons nommer van 13 dezer – is hier eergisteren met de lichter, waarin een gedeelte der lading gelost is, binnengebracht. Van de lading gerst zijn circa 25 lasten beschadigd.
RC 231254
Carolinensiel, 17 december. Uitgezeild VERTROUWEN, Ploeg naar Brussel.
1855
GRC 260155
Harlingen, 17 januari. Binnengekomen VERTROUWEN, Ploeg van Caroninensiel naar Amsterdam.
FNAB 161255
Harlingen, 8 december. Uitgezeild VERTROUWEN, G. Ploeg met kaas naar Engeland.
1856
HARC 080156
Harlingen, 2 januari. Binnengekomen VERTROUWEN, Ploeg van Newcastle.
AH 291256
Vlie, 24 december. Aangekomen VERTROUWEN, Ploeg van Dundee.
1857
HARC 280157
Harlingen, 24 januari. Uitgezeild VERTROUWEN, J. Ploeg met kaas naar Engeland.
AH 311257
Portsmouth, 27 december. Binnengekomen VERTROUWEN, Ploeg van Harlingen.
1858
VEC 090158
Southampton, 2 januari. Aangekomen VERTROUWEN, Ploeg van Harlingen.
AH 161258
Vlie, 13 december. Binnengekomen VERTROUWEN, Ploeg van Newcastle.
1859
NRC 180459
Harlingen,16 april. Het tjalkschip (opm: smak) VERTROUWEN, kapt. J.G. Ploeg, gisteren van hier vertrokken met tarwe naar Leith, is, uit zee terug komende, nabij de Grienderwal gezonken. Kapt. Ploeg had kort tevoren gered de equipage van de Spaanse brik JOSEPHA Y AMALIA, van Gibara met tabak naar Bremen, welke bodem na gestoten te hebben bij Terschelling, gezonken is. Wij vernemen dat die Spanjaarden benevens de lichtmatroos en stuurman van kapt. Ploeg te Makkum zijn aangekomen – zie ons nommer van gisteren. Kapt. Ploeg is ook gered en alhier aangebracht.
LC 190459
Onder de voorbeelden van bijzondere bewaring moeten wij eindelijk nog wel melden de redding der equipage van de hier thuis behorende hektjalk HET VERTROUWEN, kapt. H. Ploeg. Vrijdag morgen verliet dat vaartuig met nog zes andere schepen (waarvan men tot nu tot niets weet) de rede van ‘t Vlie. Toen de storm opstak keerde hij terug om, zo mogelijk, weder binnen te komen, hetgeen gelukte. Een Spaanse schoener (opm: schoenerbrik JOSEPHA Y AMALIA, zie o.a. NRC 180459) volgde zijn voorbeeld, maar geraakte aan de grond. Kapt. Ploeg zag dit, keerde terug en had het geluk de equipage, bestaande uit 10 man, te redden. Niet lang daarna geraakte hij echter zelf aan de grond, en nauwelijks hadden de Spanjaarden bemerkt, dat het schip in zinkende toestand verkeerde, of zij sprongen in hun eigen boot, gevolgd door een der beide scheepsjongens van kapt. Ploeg. Zij sneden, misschien in de verwarring, ook de vanglijn los der boot, die bij het schip behoorde, en waarin zich de stuurman bevond, om die tot vertrek gereed te maken. Beide boten werden nu door de golfslag voort gezweept en waren weldra aan het VERTROUWEN, waarop zich nog kapt. Ploeg, een matroos, een jongen en de Engelse loods van het Spaanse schip zich bevonden, uit het oog. De Spanjaarden ontmoetten weldra een ledige boot, die zij aanhielden. Hun kapitein wilde nu enige manschappen daarin doen overgaan, maar zij verklaarden allen bij hun bevelhebber te willen blijven. Daarop ging de scheepsjongen van kapt. Ploeg er alleen over en verdween weldra uit hun oog. Zijn moed werd echter beloond. Achter Makkum sloeg hij over een haard; bij de tweede haard sprong hij uit de sloep en kwam behouden op de zeedijk en vervolgens te Makkum, waar ook de Spanjaarden aankwamen. Gisteren morgen werd kapt. Ploeg met zijn bij hebbenden door de Vlielander loodsschuit no. 6 gered en hier aangebracht. Zij hadden de gehele nacht in de mast gezeten. Nu werd alleen nog de stuurman vermist, over wiens lot men zeer bezorgd was; maar gisteren avond keerde ook die hier gezond terug. Hij was, nog vrijdag avond, behouden te Workum aangekomen. Allen mogen zich dus in hun behoud verheugen, en groot is de blijde deelneming, die hunne, bijna wonderdadige redding, hier heeft verwekt.
NRC 210459
Amsterdam, 20 april. Aangaande het stranden van het schip VERTROUWEN, kapt. Ploeg (opm: zie NRC 180459 en LC 190459), van Harlingen naar Leith, wordt van Harlingen van de 19e april gemeld, dat, toen de VERTROUWEN strandde, de door kapt. Ploeg geredde equipage van de JOSEFITA Y AMALIA (opm: JOSEPHA Y AMALIA), hem meedogenloos in hun eigen sloep verliet, waarmede zij in Makkum zijn aangeland, en moest alzo kapt. Ploeg met twee jongens en de Engelse loods van de JOSEFITA Y AMALIA een zorgelijke nacht op het wrak doorbrengen, terwijl de stuurman ook met de sloep vol water door hen is afgesneden, welke in Workum behouden aan land is gekomen. Van de lading van het schip VERTROUWEN zijn reeds een paar vissersschuiten met tarwe en bonen aangekomen, zo mede enige stengen en ra’s van over boord gekapte tuigages.
NRC 240459
Harlingen, 20 april. De lading en de inventaris van het schip VERTROUWEN, kapt. J.G. Ploeg, van hier naar Londen, op Terschelling gestrand – zie NRC van 18 april – is geborgen, alhier aangebracht en verkocht.
NRC 270459
Harlingen, 25 april. Het wrak van het schip VERTROUWEN, gevoerd geweest door kapt. Ploeg, van hier naar Londen, op Terschelling gestrand, is de 23e dezer voor NLG 277 verkocht.
RC 210759
Het schip VERTROUWEN van kapitein Ploeg, dat in de jongste storm tussen Harlingen en het Vlie gezonken is, hebben vissers in de vorige week met tonnen drijvende gemaakt en op de werf Welgelegen gebracht.
1861
FNAB 210461
Harlingen, 13 april. Uitgezeild DRIE GEBROEDERS, H. Andrea met kaas, etc. naar Newcastle.
FNAB 180861
Harlingen, 7 augustus. Vertrokken DRIE GEBROEDERS, H. Andrea naar Newcastle.
FNAB 101161
Harlingen, 8 november. Uitgezeild DRIE GEBROEDERS, H. Andrea naar Newcastle.
HARC 251261
Harlingen, 21 december. Binnengekomen DRIE GEBROEDERS, H. Andrea van Newcastle met steenkolen.
1862
FNAB 051062
Harlingen, 1 oktober. Aangekomen DRIE GEBROEDERS, H. Andrea van Hoorn.
HARC 101262
Harlingen, 8 december. Binnengekomen DRIE GEBROEDERS, H. Andrea van Londen.
HARC 241262
Harlingen, 22 december. Uitgezeild DRIE GEBROEDERS, H. Andrea naar Leith.
1863
LC 230163
Harlingen, 21 januari. Het hier te huis behorende en van hier met kaas naar Dundee bestemde tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, kapitein H.T. Andrea, waarover men hier langen tijd in het onzeker verkeerde, kwam op den 8 dezer op de rede van Leith. Dit vaartuig was een paar dagen voor den storm van 19 en 20 december ll., van hier vertrokken en heeft gedurende al die dagen op zee onder zware stormen rondgezwalkt. De winden waren dikwijls zo hevig, dat de sterkste man niet van achter naar voor kon komen of het moest kruipende langs het gangboord geschiede.
De kapitein zegt verder in zijn schrijven uit Dundee van den 13 dezer: “Nog moet ik Ued. melden, dat wij den eersten Kerstdag een schoener hebben zien drijven. Wij zijn drie malen bij hem langs gezeild, maar er was geen volk aan boord; de boot was bijna geheel van het dek geslagen, en de naam van het schip was GRETE LOUISE van Christiansand, met gele letters op den spiegel. Het weder was te slecht en de zee te hoog, anders zouden wij hem waargenomen hebben; naar het scheen was er niet veel water in, en het volle tuig stond er nog op, hij lag te drijven voor het dichtgereefde brikzeil en stagzeil, het schoenerzeil gegijd en het topzeil opgegeid en gehesen. Voor zover wij het konden zien, was het een ballastschip. Hij dreef volgens ons bestek op 4 graden 30 minuten OL. en op 55 graden 11 minuten NB.
FNAB 220263
Harlingen, 13 februari. Binnengekomen DRIE GEBROEDERS, H. Andrea van Boness met steenkolen.
FNAB 010363
Harlingen, 23 februari. Uitgezeild DRIE GEBROEDERS, H. Andrea naar Newcastle.
FNAB 220363
Harlingen, 13 maart. Binnengekomen DRIE GEBROEDERS, H. Andrea van Newcastle met Steenkolen.
PGC 170663
Advertentie. Notaris Goslings te Harlingen zal aldaar ten verzoeke van de heer J.T. Vellenga, scheepsmakelaar aldaar, ten huize van logementhouder Balkstra aan de Noorderhaven, op woensdag 24 juni 1863, des namiddags te drie uur provisioneel en des avonds te zeven uur finaal in het openbaar verkopen het hechte en sterke tjalkschip, genaamd de DRIE GEBROEDERS, liggende bij de Vischmarktsbrug in de Noorderhaven te Harlingen, metende lang19 el 27 duim, wijd 3 el 20 duim, hol 2el 6 duim, geijkt op 56 ton, met al deszelfs toebehoren, zoals het laatst is bevaren door H. Andreae. Verder nog een overdekte Noorse zeiljol met bijbehorende zeilen en ijzerballast. Dadelijk na de toewijzing te aanvaarden. Inmiddels uit de hand te koop.
FNAB 200963
Harlingen, 18 september. Binnengekomen NEPTUNUS, H. Andrea van Tonsberg met robbespek.
FNAB 291163
Harlingen, 23 november. Aangekomen NEPTUNUS, H. Andrea van Rotterdam.
1864
NRC 310564
Pillau, 26 mei. Uitgezeild NEPTUNUS, Van der Meulen naar Amsterdam.
AH 100664
Holtenau, 6 juni. Gepasseerd NEPTUNUS, Van der Meulen van Koningsbergen naar Amsterdam.
AH 281164
Bij Holtenau, 21 november. NEPTUNUS, Van der Meulen van Stolpemünde naar Dordrecht.
1865
HARC 210665
Harlingen, 16 juni. Uitgezeild NEPTUNUS, E. van Gorkum naar de Grote Belt.
1866
HARC 040466
Harlingen, 30 maart. Binnengekomen NEPTUNUS, E. van Gorkum van Londen.
HARC 230566
Harlingen, 17 mei. Uitgezeild NEPTUNUS, E. van Gorkum naar Rendsburg.
NRC 211066
Neustadt 18 oktober. Het tjalksohip NEPTUNUS, schipper van Gorkum, met rogge van St Petersburg op hier bestemd, geraakte de voorgaande nacht bij Pelzerhaken aan de grond. Men is nu bezig aan het lossen en hoopt bij gunstig weder het vaartuig af te brengen.
NRC 211066
Neustadt 19 oktober. Het tjalkschip NEPTUNUS, kapt. van Gorkum (zie ons vorig nommer), is gisteren, nadat het nog een gedeelte der lading over boord had geworpen, door assistentie van het stoomschip NEUSTADT afgebracht en in de haven gesleept. Het schip is lek gestoten en men is bezig het restant der lading te lossen.
1867
Volgens zeggen is de NEPTUNUS dit jaar in Neustadt te Holstein verkocht.
(opm: Mogelijk gesloopt)
>