1897
NGRC 130997
Delfzijl, 11 september. Binnengekomen DOLFIJN, Beck van Bremen naar Rotterdam.
1898
TEL 190898
Wilhelmshaven, 13 augustus. Aangekomen DOLFIJN, Beck van Oberndorf.
1899
AH 300699
Hamburg, 28 juni. Binnengekomen DOLFIJN, Beck van Gluckstadt.
NGRC 120999
Cuxhaven, 9 september. Terug uit zee DOLFIJN, Beck van Neustaet naar Rotterdam.
1901
NGRC 170501
Delfzijl, 15 mei. Uitgezeild DOLFIJN, Beck naar Norden.
1903
NGRC 160103
Brunsbuttel, 13 januari. Gepasseerd DOLFIJN, Beck van Hamburg naar Tonningen.
NGRC 150803
Holtenau, 12 augustus. Gepasseerd DOLFIJN, Beck van Nakskov naar Rendsburg.
1904
NPGC 261104
Brunsbuttel, 22 november. Gepasseerd DOLFIJN, Beck van Hamburg naar Friederichstad.
NPGC 061204
Holtenau, 3 december. Binnengekomen DOLFIJN, Beck van Neumühlen.
1905
NPGC 130305
Bremerhaven, 7 maart. Uitgezeild DOLFIJN, Beck naar Kopenhagen.
NPGC 210305
Kopenhagen, 16 maart. Binnengekomen DOLFIJN, Beck van Bremerhaven.
1906
NNO 160606
Harburg, 11 juni. Aangekomen DOLFIJN, Beck van Cuxhaven.
1908
NNO 020508
Hamburg, 29 april. Uitgezeild DOLFIJN, Beck naar Svendborg.
1909
NPGC 160409
Hamburg, 12 april. Vertrokken DOLFIJN, Beck naar (niet vermeld).
NPGC 241109
Korsör, 21 november. Binnengekomen DOLFIJN, Beck van Veije.
1912
NNO 070612
Delfzijl, 7 juli. Het zeilschip DOLFIJN, kapt. Beck, is alhier binnengekomen met gebroken zeilen en beschadigde ankerspil, opgelopen tijdens slecht weer in de Bans Balg. Een en ander werd hier gerepareerd. Het schip werd binnen gesleept door de sleepboot ENGELINA, kapt. Zwart, en was op reis van Hamburg naar Dortmund.
1914
DMB 090614
Holtenau, 7 juni. Gepasseerd DOLFIJN, Beck van Eckernfjörde naar Hamburg.
1916
UPS 070216
Schip vergaan.—Volgens een Lloyd's bericht uit Landskrona (Z.-W. van Zweden), is het te Groningen thuisbehorende tjalkschip DOLFIJN, kapitein Beck, in de Sond verongelukt. Er is niemand van de bemanning, bestaande uit de kapitein en zijn vrouw, benevens de stuurman, gered.
RN 090216
Amsterdam, 8 februari. Volgens particulier bericht is de Nederlandse schoener DOLFIJN, kapt. Beck, 21 januari bij Dragör met de bemanning verongelukt. De DOLFIJN was 87 ton groot en werd in 1897 gebouwd. Kapitein Beck was tevens reder.
AH 160616
Raad voor de Scheepvaart. Daarna werd een onderzoek ingesteld betreffende het vermoedelijk met man en muis vergaan van het tjalkschip DOLFIJN in het Duitse mijnenveld aan de kust van Zweden ter hoogte van het Drogden lichtschip. De 6e juni werd het lijk van kapitein Beck drijvende gevonden in de buurt van Denemarken. De 8e januari vertrok het vaartuig van Lübeck naar Landskrona, de 16e januari werd het gepraaid, na die datum is er niets meer van vernomen. Alleen werd bericht ontvangen, dat een klein vaartuig in het mijnenveld aan de Zweedse kust is vergaan. Vermoedelijk is dit hetzelfde vaartuig, de DOLFIJN, waarvan wordt verondersteld, dat het de 18e januari is vergaan. Zekerheid daaromtrent bestaat echter niet. De Raad zal in dezen later uitspraak doen.
>