Inloggen
HENRIETTE - ID 13782


In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:1846-04-01 / 1861-12-12 | Reden uitgevlagd: Verongelukt of vermist (zie final fate)

Identification Data

Bouwjaar: 1846
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Sailing Vessel
Type: Kof
Masten: Two masts
Material Hull: Wood
Dekken: 1
Construction Data

 

Ipe Annes Hooites (Hoogezand, 11 september 1812 - aldaar, 18 februari 1891) was een Nederlands reder, scheepsbouwer en burgemeester.

Zoon van Anne Willems Hooites en Frouwke Sikkens.

Getrouwd met Geessien Meursing te Hoogezand op 16-02-1832.

Dochter van Roelf Hooites Meursing (landbouwer)

En Jacomina Holwerda. Ook genoemd als Jacomijntje.

(BRON: Huwelijks register Hoogezand 1832 – Aktenummer 2)

Geessien Meursing overleed te Hoogezand op 31-07-1858 (42 jaar)  (Ov.reg. H’zand 1858 – Akte nr. 81)

Hooites was eigenaar van een zaagmolen, zeil- en mastenmakerij, en een smederij. Hij zette de scheepswerf van zijn vader in Hoogezand voort en startte rond 1850 een tweede in Foxholsterbosch. Hooites werd later ook reder. Naar aanleiding van de Parlementaire enquête naar de Nederlandse koopvaardij (1874-1875) meldde hij dat hij als reder niet veel verdiende, maar dat hij dit vooral was gaan doen om zijn andere bedrijven draaiende te houden. Tussen 1870 en 1880 was zijn rederij, wat het aantal schepen betrof, de grootste van het land. Van 1866-1878 was hij burgemeester in zijn geboorteplaats, hij was daarnaast Statenlid.

In 1857 liet Hooites aan het Winschoterdiep op een deel van het terrein van de voormalige borg Vredenburg een herenhuis bouwen (nu: Meint Veningastraat 115). De initialen van Hooites en zijn vrouw Geessien Roelfs Meursing (1816-1858) zijn in de stijlen naast de voordeur aangebracht.

Bezat werven te Hoogezand, Foxhol en Foxholsterbosch.

 

Scheepsbouwer: Ipe Annes Hooites, Hoogezand, Groningen, Netherlands
Werfnummer:
Delivery Date: 1846-00-00
Technical Data

Gross Tonnage: 50.00 lasts
Gross Tonnage 2: 96.00 tons (oude meting)
 
Length 1: 22.28 Meters Registered
Beam: 4.29 Meters Registered
Depth: 2.26 Meters Registered
Zeebrieven en Turksche passen

Record type Zeebrief
Zeebrief jaar: 1846
Datum agenda: 1846-04-01
Register nr: 18460186
Scheepsnaam: HENRIETTE
Type: Kof
Lasten: 50
Gebouwd in provincie: Groningen
Gebouwd in binnen- of buitenland: Binnenlands
Zeebrief / Turksche pas verzocht door: Dik, E.P.
Plaats: Veendam
Kapitein op moment van verzoek: Dik, E.P.
Opmerkingen: eerste zeebrief

Bekijk de overige zeebrieven / Turksche passen van dit schip
Ship History Data

Date/Name Ship 1846-04-01 HENRIETTE
Manager: Eppo Pieters Dik, Veendam, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Eppo Pieters Dik, Veendam, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Veendam / Netherlands

Date/Name Ship 1855-11-13 HENRIETTE
Manager: Firma A. Poort & Co, Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Eigenaar: Firma A. Poort & Co, Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Amsterdam / Netherlands

Bezitters van parten (aandelen) in het schip

Bijlage bij cedule 59 van 13 november 1855, kof HENRIETTE

Eigenaren:

Firma A. Poort & Co., Amsterdam (boekhouders en 11/24e part)
J.H. van Blitterswijk, Amsterdam (1/24e part)
Firma Van Leeuw & Van Ee, Amsterdam 1/24e part)
A.van der Hoog, Amsterdam (1/24e part)
firma Van der Wouden & Luber, Amsterdam (1/24e part)
J.G. Matthes, Amsterdam (1/24e part)
J.A. Heyse, Amsterdam (1/24e part)
J.W. Kerkhoven (1/24e part)
F. Sowden Reinhold, Amsterdam (2/24e part)
C. Lub, Amsterdam (2/24e part)
R.A. van Boles, Schiedam (1/24e part)
J.F. Legner, Schiedam (1/24e part)

Ship Events Data

1858-04-07: 08 april 1858. NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant.
Amsterdam, 7 april. Heden stonden voor het provinciaal gerechtshof van Noord-Holland terecht de personen van H. Bulder, J.F. Vegter en P. Storm, beschuldigd van moord met voorbedachten rade, gepleegd aan boord van het Nederlandse kofschip HENRIETTE. Op het requisitoir van het O.M. is, niettegenstaande de conclusie van de verdediger Mr. L.H. Kuhn, de zaak uitgesteld tot de 27e dezer, ten einde de voortvluchtige 3e beschuldigde A.L. Eck, die aan boord van een schip van Kopenhagen naar Kroonstadt moet vertrokken zijn, ten tweede maal op te roepen. Die dag zal echter de zaak verder worden behandeld. Mocht de 3e beschuldigde dan niet zijn verschenen, dan zal hij weerspannig tegen de wet worden verklaard.
1858-04-30: 01 mei 1858. NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant.
Amsterdam, 30 april. Het provinciaal gerechtshof van Noord Holland heeft heden uitspraak gedaan in de meermalen door ons besproken zaak van het Nederlandse kofschip HENRIETTE, en de beschuldigden Hendrik Bulder, Jan Fop Vegter en Pieter Storm bij een breed gemotiveerd arrest vrijgesproken. Zij zijn daarop onmiddellijk in vrijheid gesteld.
1861-12-12: Final Fate:
14 december 1861. NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant.
Liverpool, 12 december. Het Nederlandse schip (opm: kof) HENRIETTE, kapt. L. Brons, van hier met klipzout naar Harlingen bestemd (opm: PGC 171261 geeft als bestemming Dordrecht), is bij Point Lynas (opm: 53º25’ N.B. 4º17’ W.L.) verongelukt. De equipage is gered en alhier aangebracht.

Gezagvoerders

Familiegegevens en opleiding

Eppe Pieters Dik werd gedoopt op 15 augustus 1802 als zoon van de schipper Pieter Derks Dik en Geertje Roelfs (Schippers).

Eppe trouwde op 05 maart 1834 te Veendam als schipper met Jetta Rentes Zoutman, geboren/gedoopt op 08/15 augustus 1811 te Veendam als dochter van de schipper Rente Everts Zoutman en Rijkjen Hindriks Puister. Jetta overleed op 11 augustus 1851 te Veendam, 39 jaar.

Eppe hertrouwde op 22 december 1853 te Veendam als schipper met Hinderica Schilt, geboren op 19 september 1818 als dochter van Anske Douwes Schilt en Abelia Geertruida Mees. Henderika overleed op 07 juni 1906 te Groningen, 87 jaar, weduwe.

Eppo Pieters overleed op 24 september 1864 te Oosterdiep,Veendam, rentenier.

 

Burgerlijke Stand akten uit de provincie Groningen vermelden Eppe/Eppo als schipper in 1834, 1835, 1838, 1840, 1841, 1843, 1846, 1851, 1854, 1857, 1859 en rentenier in 1864.

 

Lidmaatschap van zeemanscollege(s)

Een Eppo P.Dik was effectief lid van het Veendammer zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” met vlagnummer I resp. 9 in de periode 1827 t/m 1838

E.P.Dik was effectief lid van het Veendammer zemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” met vlagnummer T resp. 19 in de periode 1839 t/m 1859.

Er zou sprake zijn van een verandering in vlagnummer rond 1838. Maar in het Jaarverslag 1837 van het Rotterdamse zeemanscollege, aanwezig in de biblioheek van het Rotterdamse maritieme museum “Prins Hendrik” staat met vlagnummer I een Eppo P.Dik en met vlagnummer T een E.P.Dik, hetgeen duidt op twee kapiteins met dezelfde initialen. Ik heb echter geen tweede kapitein E.P.Dik uit deze periode kunnen vinden.

Voorts is een wisseling van vlagnummer bij het Veendammer zeemanscollege zeer ongebruikelijk.

Ik heb geen oplossing voor deze opgaven

 

De schepen van de kapitein

Bouma025 vermeldt E.P.Dik als gezagvoerder gedurende:

*    1834 t/m 1836 van de galjoot (?) “Clara Margaretha”, gebouwd in 1819, bouwlocatie niet vermeld, 106 ton, varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam. Het schip is gestrand op Texel. Alleen de stuurman werd gered;

*    1840 t/m 1846 van de kof “Vriendschap”, gebouwd in 1823, bouwplaats niet vermeld, 120 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Sappemeer;

*    1846 t/m 1855 van de kof “Henriëtte”, gebouwd in 1846 te Hoogezand, 96 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam.

 

De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt:

18 januari 1817, schip “Geerdina”, schipper Pieter Derks Dik, kok Eppo Pieters Dik.

15 februari 1819, schip “Vriendschap”, schipper Derk Pieters Dik, kok Eppo Pieters Dik,

10 maart 1821, schip “Hasiena Margaretha”, schipper Jacob R.Schipper, matroos Eppe Pieters Dik.

09 februari 1822, schip “Hinderina Johanna”, schipper Harm Geerts Jonker, kok Eppe Pieters Dik.

05 maart 1823, schip “Klara Margaretha”, schipper Pieter Derks Dik, matroos Eppe Pieters Dik.

19 januari 1824, schip : Klara Margaretha” schipper Pieter Derks Dik, matroos Eppe Pieters Dik.

03 maart 1827, schip “Clara Margaretha”, schipper Pieter Derks Dik, stuurman Eppe Pieters Dik.

02 februari 1828, schip “Klara Margaretha”, schipper Eppo Pieters Dik.

19 januari 1839, kof “Vriendschap”, schipper Eppo Pieters Dik.

25 februari 1842, kof “Vriendschap”, schipper Eppo Pieters Dik.

15 februari 1843, kof “Vriendschap”, schipper Eppo Pieters Dik.

06 september 1844, kof “Vriendschap”, schipper Eppo Pieters Dik.

23 januari 1845, kof “Vriendschap”, schipper Eppo Pieters Dik.

06 april 1846, kof “Hemriette”, schipper Eppo Dik, 43 jaar uit Veendam.

14 februari 1848, kof “Henrieth”, schipper Eppe Pieters Dik.

03 februari 1849, kof “Henriette”, schipper Eppo Pieters Dik

12 februari 1851, kof “Henriette”, schipper Eppo Pieters Dik.

18 februari 1852, kof “Henriette”, schipper Eppo Pieters Dik.

26 februari 1853, kof “Henriette”, schipper Eppo Pieters Dik.

29 april 1854, schip “Henriette”, schipper Eppe Pieters Dik.

24 februari 1855, kof “Henrietta”, schipper Eppe Pieters Dik.

 

Overige bijzonderheden

Geen

 

 

Datum vanaf: 1846
Kapitein: Dik, Eppe Pieterz

Familiegegevens en opleiding

Geen

De schepen van de kapitein

Boum025 vermeldt H.Bulder als gezagvoerder gedurende:

  • 1856 van de kof “Henriëtte”, gebouwd in 1857 te Hoogezand, 96 ton o.m., varend voor A.Poort & Co te Amsterdam. Het schip werd 1 maal te Harlingen geregistreerd komend met graan van Koningsbergen.

 

Overige bijzonderheden

NRC 27 juli 1857

Amsterdam, 25 Julij. Gisteren is, onder geleide van twee geregtsdienaren, uit Harlingen alhier aangekomen en terstond naar het cellulaire huis van arrest en justitie overgebragt, de gezagvoerder van het dezer dagen te Harlingen binnengekomen kofschip Henriëtte, die verdacht wordt ten vorige jare op de terugreis van Galatz, in de Middellandsche zee den stuurman van genoemden bodem over boord te hebben doen werpen en verdrinken. Naar men verneemt, heeft de geheele equipage tot het volvoeren van deze gruweldaad medegewerkt. De scheepsjongen echter heeft alleen uit vrees, dat hem bij weigering hetzelfde lot beschoren was, aan de misdaad deelgenomen en heeft, ondanks den eed van geheimhouding, welken men hem had doen zweren, het ijzingwekkende voorval aan de justitie geopenbaard, zoodra zich daartoe de geschikte gelegenheid voordeed.

De ongelukkige stuurman was een Fries van geboorte. Daar de gezagvoerder en de schepeling der Henriëtte voor de reis ter dezer stede zijn aangemonsterd, zoo zal deze treurige, doch belangrijke zaak bij de arrondiseements-regtbank alhier behandeld worden.”

 

 

Datum vanaf: 1856
Kapitein: Bulder, H.

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

W.Stam werd met vlagnummer 699 per 30 december 1856 ingeschreven als effectief lid van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop op voordracht van kapitein J.de Vries. Als zijn schip is genoemd de “Activo” 002.

In de Algemene Vergaderingen van 23/30 december 1856 van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop werd als effectief lid voorgesteld/aangenomen Willem Stam, oud 30 jaar, voerend de brik “Activo”, voor rekening van F.Smelt & Zn, wonend te Nieuwediep, op voordracht van kapitein J. de Vries.023.

 

Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)

Geen

 

De schepen van de kapitein

lidmaatschap van het College Zeemanshoop te Amsterdam001

vlagnummer                 jaren          type                 scheepsnaam                                       naam reder/boekhouder

        699                        1856          brik                  Activo                                                   F.Smelt & Zn

                                     1857-1861    kof                  Henriette                                              A.Poort

                                     1862-1872    geen vermelding van schip en boekhouder

 

Bouma025 vermeldt W.Stam als gezagvoerder gedurende:

  • * 1857 van de brik “Activo”, gebouwd in 1845 te Nieuwendam, 204 ton o.m., varend voor F.Smelt & Zn te Amsterdam;
  • * 1858 van de kof “Henriëtte”, gebouwd in 1846 te Hoogezand, 96 ton o.m., varend voor A.Poort & Co te Amsterdam.

 

Overige bijzonderheden

Geen

 

 

Datum vanaf: 1858
Kapitein: Stam, Willem

Familiegegevens en opleiding

Geen

De schepen van de kapitein

Bouma025 vermeldt L.Brons als gezagvoerder gedurende:

  • 1861 van de kof “Henriëtte”, gebouwd in 1846 te Hoogezand, 96 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam. Het schip is in december 1861 gestrand bij Point Lynnas (Anglesey) en wrak geraakt;
  • 1864 van de bark “Ida & Albertine” ex Factorij, gebouwd in 1834 te Alblasserdam, 359 ton o.m., varend voor A.Franken te Alkmaar;
  • 1867 van de sch.kof “Koophandel”, gebouwd in 1844 te Amsterdam, 382 ton o.m., varend voor C.Smit Jz & J.Spaans Jr te Barsingerhorn. Het schip werd in 1867 overzeild bij Skagen;
  • 1869 van de brik “Amicitia” ex Protejido, gebouwd in 1850, bouwlocatie niet vermeld, 173 ton o.m., varend voor W.Feltrup te Alkmaar.

 

Overige bijzonderheden

Geen

 

Datum vanaf: 1860
Kapitein: Brons, L.

Monsterrollen

Opgemaakt Groningen
Datum: 1846-04-06
Scheepsnaam voorvoegsel:
Scheepsnaam: HENRIETTE
Schipper: Dik, Eppo Pieters
Scheepstype: kof
Grootte:

Bekijk alle monsterrollen Bekijk alle monsterrollen
Algemene informatie

27 maart 1858 NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 26 maart. Het Handelsblad deelt mede de acte van beschuldiging tegen Hendrik Bulder, oud 35 jaren, scheepsgezagvoerder, Jan Fop Vegter, oud 25 jaren, zeeman, Alexander Lorenz Eeck, vermoedelijk oud 23 jaren, voortvluchtig, en Pieter Storm, oud 21 jaren, wonende te Amsterdam, van beroep zeeman. Uit dit stuk blijkt o.a:
- dat op 10 december 1855 uit het Nieuwe Diep is uitgezeild het Nederlandse kofschip HENRIETTE, toebehorende aan de rederij van de heren A. Poort & Comp. te Amsterdam, en bestemd naar Genua en Galatz en terug;
- dat op 5 januari daaraanvolgende de gezagvoerder A. icke te Dover uit hoofde van ziekte ontslagen zijnde, het bevel over het schip is opgedragen aan de 1e beschuldigde, bestaande alstoen de equipage verder uit Sjoerd Zeelt van IJst, als stuurman, de 2e en 3e beschuldigde als matrozen, de 4e beschuldigde als scheepsjongen en de 18-jarige Borgert Geerts Dijken, als kok;
- dat met deze equipage de reis gemaakt is naar Genua en verder naar Galatz, van welke plaats op 16 mei de terugreis is aangevangen;
- dat, toen deze bodem zeilende was in de Middellandse Zee en zich bevond in de nabijheid van Gibraltar, de stuurman Sjoerd Zeelt in de golven is omgekomen, wordende omtrent de dood van deze persoon, in het door de eerste beschuldigde gehouden en eigenhandig geschreven scheepsjournaal, op de datum van 21 augustus 1856, woordelijk het volgende vermeld: “Om 8 uur `s avens met het bezaan reefven valt de stuurman S.Z. Zeelt over boord, gooijen dadelijk een ent touw over boor maar heeft het niet kregen, hoorden hem nog eenmaal roepen, en zagen hem toen niet meer, dat het door ons geene mogelijkheid was om hem te redden, draaijen het roer in lij maar het schip wou niet wenden,” aan de zijde van welke verklaring de naamtekeningen van de 1e, 2e en 3e beschuldigde worden gevonden (opm: het aangehaalde gedeelte is door de rechtbank letterlijk overgenomen met alle in het journaal gemaakte schrijffouten; dit is ook in deze kroniek-tekst curieusheidshalve weer zo overgenomen);
- dat, nadat de terugreis was volbracht, dit journaal op de 3e oktober van dat jaar door de eerste beschuldigde aan de kantonrechter in het vierde kanton te Amsterdam is vertoond;
- dat in de maand november de HENRIETTE onder bevel van de eerste beschuldigde. naar zee is gegaan, aan boord hebbende als kok de reeds genoemde Borgert Geerts Dijken, die echter na een vergeefse poging om de bodem te Bayonne te verlaten, te Cardiff daarin geslaagd is en in de maand juli 1857 met het schip MARIA, kapt. H. Klein, aldaar is teruggekeerd;
- dat Dijken op de 15e dier maand zich bij de waterschout aangemeld en alstoen de navolgende verklaring heeft afgelegd:
- dat op de terugreis van de HENRIETTE van Galatz naar het vaderland, op zekere dag, toen het schip zeilende was in de Middellandse Zee, de stuurman Zeelt woorden heeft gekregen met de vierde beschuldigde, zonder dat hem de oorzaak daarvan bekend is;
- dat deze beide personen gedurende de gehele reis met elkaar altijd wel waren geweest en zich steeds te samen hadden bevonden, doch dat na die woordenwisseling, de vierde beschuldigde aan de eerste beschuldigde is gaan vertellen, dat Zeelt diens zusters voor h….. had uitgemaakt;
- dat de 1e beschuldigde, zo als deze later heeft gezegd van de 4e beschuldigde ook nog moet hebben vernomen, dat Zeelt meer kwaad van hem gesproken had;
- dat bovendien de derde beschuldigde aan de eerste heeft overgebracht, dat Zeelt een gulden zou hebben geboden om de tweede beschuldigde een pak slaag toe te brengen;
- dat het gevolg van dit alles geweest is, dat Zeelt door de eerste beschuldigde als stuurman afgezet en vooruit gezonden is;
- dat Zeelt daarna, zowel door de eerste beschuldigde als door de drie andere beschuldigden onophoudelijk is mishandeld, geschopt en met touwen geslagen, zodat hij menigmaal blauwe plekken had en zelfs kreupel was, hebbende hij getuige menigmaal de eerste met de andere horen afspreken om Zeelt te mishandelen, welke mishandelingen gedurende ongeveer een maand zijn voortgezet;
- dat na verloop van die tijd op zekere avond, toen hij getuige aan het roer stond, de eerste beschuldigde hem is komen aflossen en hem gelast heeft vooruit te gaan;
- dat hij aldaar komende, Zeelt heeft zien zitten met de rug tegen de kettingkist, omringd van de 2e, 3e en 4e beschuldigde en hem heeft horen zeggen: “och Jan, vergeef mij toch al wat ik heb misdreven”;
- dat de tweede beschuldigde daarop geantwoord heeft: “wij zullen je alles vergeven”;
- dat op datzelfde ogenblik, terwijl de 1e beschuldigde aan het roer stond, de 2e, 3e en 4e beschuldigde Zeelt gezamenlijk hebben aangegrepen en, niettegenstaande deze zich met alle kracht verweerde, hem opzettelijk over de reling in zee hebben geworpen;
- dat Zeelt in zee liggende, de rust van het want nog heeft gegrepen, doch dat de 2e beschuldigde hem als toen twee trappen met de voet heeft toegebracht, waardoor hij moest loslaten en uitroepende “ach God” in de golven is weggedreven;
- dat hij getuige, toen hij zag dat Zeelt over boord zou worden geworpen, zich herinnerde, dat de 2e beschuldigde die middag tegen hem gezegd had: “dat zijn misschien de laatste aardappelen die je eet” en toen vrezende, dat men hem ook zou willen verdrinken, om de schijn van zich te weren als zou hij met Zeelt het eens zijn, zelf bij die verschrikkelijke gebeurtenis zijn handen aan Zeelt geslagen en in zijn angst hem een paar slagen op de rug gegeven heeft, zonder echter in het minst te helpen, waartoe hij niet eens de kracht had.
- dat na het gebeurde hij, getuige, naar zijn kooi is gegaan, doch de eerste beschuldigde met de drie anderen is gaan jenever drinken en zingen, hetwelk een gedeelte van de nacht heeft aangehouden;
- dat daags daarna de 1e beschuldigde gezegd heeft: “wij zijn allen aan de zaak schuldig, een ieder past nu op er niet van te spreken”;
- dat later de 2e beschuldigde tot hem gezegd heeft: “dat het goed was, dat hij ook had geholpen, vermits hij anders genoodzaakt was hem over boord te werpen”;
- dat ongeveer een maand na het over boord werpen van Zeelt, hij door het herhaalde praten der beschuldigden angstig geworden, een eed heeft afgelegd, nimmer iets van het gebeurde te zullen vertellen;
- dat bij het daarop gevolgd gerechtelijk onderzoek Dijken, meermalen door de rechter commissaris ondervraagd, steeds bij de afgelegde verklaring heeft volhard en zelfs eenmaal in tegenwoordigheid van de 1e beschuldigde die heeft herhaald.
Voorts behelst de akte van beschuldiging onderscheidene omstandigheden en daadzaken, waardoor de door Dijken afgelegde verklaringen in gewicht toenemen, terwijl bovendien deze verklaringen door bekentenissen der beschuldigden in zeer vele opzichten bevestigd en versterkt worden.
Dien ten gevolge zijn bovengenoemde personen beschuldigd: 1º. van doodslag met voorbedachten rade gepleegd (moord), en 2º. van het moedwillig toebrengen van slagen of stoten.

Kroniekberichten

Toon kroniekberichten
Akten

Noord-Holl.Archief, Haarlem Archiefnummer Amst.198.3172.1855.59

DVD XLIV – 2816-2819
CEDULE

Naam schip HENRIETTE

plaats en datum acte eigendomsbewijs, Amsterdam, 13 november 1855

type schip kof

bouwwerf/verkoper

gevoerd door kapt.

eigenaar firma A. Poort & Co., Amsterdam, boekhouders en mede-reders (zie bijlage)

te voeren door kapt. A. Icke

grootte in tonnen 50 lasten of 96 zeetonnen

tuigage / aantal dekken twee masten, een dek

afmetingen

kiellegging

tewaterlating gebouwd te Hoogezand

plaats / datum registratie Amsterdam, 13 november 1855

nummer van registratie deel 69, folio 25, recto, vak 5

datum eedsaflegging voor verkrijging zeebrief: 19 november 1855

prijs NLG.

Bijzonderheden:
het schip had eerder een zeebrief, onder nr.323 uitgegeven op 17 april 1855
Het schip ligt thans te Amsterdam





researcher/datum research: ML / 050610








Bijlage bij cedule 59 van 13 november 1855, kof HENRIETTE



Eigenaren:

Firma A. Poort & Co., Amsterdam (boekhouders en 11/24e part)
J.H. van Blitterswijk, Amsterdam (1/24e part)
Firma Van Leeuw & Van Ee, Amsterdam 1/24e part)
A.van der Hoog, Amsterdam (1/24e part)
firma Van der Wouden & Luber, Amsterdam (1/24e part)
J.G. Matthes, Amsterdam (1/24e part)
J.A. Heyse, Amsterdam (1/24e part)
J.W. Kerkhoven (1/24e part)
F. Sowden Reinhold, Amsterdam (2/24e part)
C. Lub, Amsterdam (2/24e part)
R.A. van Boles, Schiedam (1/24e part)
J.F. Legner, Schiedam (1/24e part)


ML / 050610

Naam HENRIETTE
Archiefinstelling Noord-Hollands Archief, Haarlem
Jaar 1855
Toegang 198
Inventaris 3172

Noord-Hollands Archief, Haarlem Archiefnummer Amst.198.3181-1855.59

DVD XII – 6680, 6681
ACTE VAN KOOP/VERKOOP
Naam schip HENRIETTE

plaats en datum acte onderhandse verkoop/koop, Amsterdam, 24 oktober 1855

type schip kof, ijzervast

bouwwerf/verkoper Eppo Pieters Dik, koopvaardijkapitein te Veendam

gevoerd door kapt. Eppo Pieters Dik, in eigendom bevaren

eigenaar/aankoper firma A. Poort & Co., Amsterdam

te voeren door kapt. A. Icke

grootte in tonnen 96 tonnen of 50 lasten

tuigage / aantal dekken

afmetingen 22,28 x 4,29 x 2,26 meter

kiellegging

tewaterlating

plaats / datum registratie Amsterdam, 26 oktober 1855

nummer van registratie deel 69, folio 5, verso, vak 6.

notaris geen

prijs NLG 8800,-

bijzonderheden: de verkoper had het eigendom van het schip verkregen door aanbouw op de werf van Ipe Annes Hooites te Hoogezand (jaar wordt niet vermeld):
De koopsom zal worden voldaan: op 29 oktober 1855 NLG 3000,- en op 24 januari 1856NLG 5800,-





researcher/datum research: ML / 060608

Naam HENRIETTE
Archiefinstelling Noord-Hollands Archief, Haarlem
Jaar 1855
Toegang 198
Inventaris 3181