Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
In het Archief van de Waterschout op het Stadsarchief van Amsterdam bevinden zich monsterrollen op naam van kapitein Rijntje Wijbrands als gezagvoerder van de:
“Susanna Christina”, dd 19 april 1782 (Pruisische vlag); 25 september 1783 (Pr.); 16 april 1784; 15 april 1786; 22 juli 1786; 20 april 1787; 09 juli 1787; 07 april 1788; 25 juli 1788; 08 april 1789;
“Boomvrugt”, dd 15 mei 1798; 11 mei 1798; 07 mei 1802; 11 mei 1805 (Pruisische vlag;
“Jonge Jacob”, dd 13 juli 1815; 10 april 1816;14 april 1817; 21 juli 1817; 18 augustus 1818; 31 maart 1819; 10 juli 1819;
“Goede Hoop”, 10 april 1821; 22 juli 1821; 29 maart 1822.
Overige bijzonderheden
In: “Roeiend Redden. Het roeireddingwezen van Texel tot Rottum” 1976, 86 pp, uitg. AR-SEE, te Hallum.
p.36: Handelend over Terschelling
“Reeds zes dagen na de oprichting van de reddingmaatschappij verzocht het hoofdbestuur oud-gezagvoerder Reijntje Wijbrands of hij de leiding op zich wilde nemen van het reddingstation West-Terschelling. Wijbrands ging hiermee akkoord en er werd een Groenlandse sloep geplaatst, die f 300,- kostte en plaatselijk was gebouwd.
De eerste tien jaren was er weinig enthousiasme voor het werk van de maatschappij. Wel werden enkele reddingspogingen ondernomen, maar alle zonder resultaat.
In 1834 kwam de kentering. Oud-kapitein Gerrit Siebes Rotgans nam de leiding over. Hij was het die door zijn bezieling weer leven in de brouwerij wist te brengen. Zij eerste eis was het plaatsen van een tweede boot op het Oosteinde en reeds op 24 oktober 1834 vond de eerste redding plaats. Onder uiterst moeilijke omstandigheden werden onder zijn leiding acht opvarenden gered van het Noorse fregatschip “Industrie”, in ballast varend van Londen naar Tonsberg. Bij de laatste poging viel de grote mast op de reddingsboot waardoor deze werd verbrijzeld. Drie schipbreukelingen vonden hierbij de dood.
In 1834 kwam de boot van Oosterend gereed. In 1836 werd eerst de redding met deze boot verricht. Negen man werden van de Russische schoener “Wolga” gehaald. ….”
Rotterdamsche Courant 18 mei 1822114
Amsterdam, 16 mei. ….
De bij Dragoe aan de grond geraakte fluit de GOEDE HOOP, kapt. R. Wijbrands, van Amsterdam naar Nerva, is, volgens brief van Elseneur, van den 7 mei, met assistentie in vlot water gekomen en heeft den 4 dito de reis voortgezet.
Rotterdamsche Courant 04 juli 1822114
Amsterdam, 2 juli. Den 24 juni zijn weder verscheiden schepen, welke sedert den 20 dito in de Sond gelegen hadden, van daar naar de Noordzee gezeild, waaronder de volgende Nederlandse, als: de GOEDE HOOP, kapt. R. Wijbrands, van Nerva; JACOBA HENRIETTE, J.G. Bart, van Petersburg, en de VROUW ALIDA, kapt. T. Swiers, van Dantzig (opm: Gdansk), alledrie naar Amsterdam; de JONGE ADRIANA, kapt. H.J. Bon, van Koppenhagen naar Rotterdam; ALIDA, kapt. H.J. Benes, van Koppenhagen naar Jersey, en de WAAKZAAMHEID, T.J. Smit, van Dantzig naar Duinkerken.