Familiegegevens
Willem Simon werd geboren op 22.09.1834 te Schoonhoven als z.v. Jacob Jansz Kramers (onderwijzer) en Catharina Johanna Schouten.
Willem Simon (30) (gezagv.) trouwde op 16.03.1865 te Zwammerdam met Johanna Francina van Vollenhoven (27) – geb. 16.11.1839 te Rotterdam – d.v. Gerrit van Vollenhoven en Catharina Miller.
Johanna Francina van Vollenhoven overleed op ??
Willem Simon overleed op 10.05.1887 te Gouda (52).
Kinderen
- Cornelis Jacobus - 1866
- Willem Simon – 1868
- Catharina - 1870
- Hendrik Willem - 1872
- Johanna Francina - 1873
- Alida Cornelia – 1876
- Jacob – 1878
- Simon Dirk - 1880
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER S. PARMA:
Familiegegevens en opleiding
Willem Simon Kramers, Nederlands Hervormd, werd geboren op 22 september 1834 te Schoonhoven. Hij woonde te Gouda. Later vestigde hij zich te Rotterdam en woonde o.a. aan de Weenastraat Wijk 14 Nr. 318 (nieuw nr. 32) en de Dijkstraat nr. 114. Per 16 april 1873 vestigde hij zich te Kralingen en vertrok op 22 mei 1876 naar Gouda. Hij behaalde op 12 augustus 1856 het diploma 1e stuurman voor de koopvaardijvaart.
Hij was gehuwd met Johanna Francisca van Vollenhoven, geboren op 16 november 1837 te Rotterdam, Luthers005.
W.S. Kramers zou een scheepswerf hebben gehad in Ned.-Indië, maar die is weggevaagd door de uitbarsting van de Krakatau. (op 27 aug. 1883)
Nadien is hij weer gaan varen (volgens mijn bron B.Kruidhof, Vlissingen).
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
W.S.Kramers was met vlagnummer R140 in de perioden 1865 t/m 1872 en 1875 t/m 1885 lid voor de vlag van het Rotterdamse zeemanscollege "Maatschappij tot Nut der Zeevaart". Dit betekent dat hij wèl de vlag mocht voeren, maar geen recht had op financiële tegemoetkomingen uit de Maatschappij. In de tussenliggende jaren ontbreekt deze kapitein in de ledenlijsten van Sweys021. Het is mogelijk dat het om verschillende kapiteins gaat, maar ik neem voorlopig aan dat het dezelfde persoon betreft058.
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
In de notulen van de Algemene Vergadering van Zeemanshoop dd 19 augustus 1879 staat de mededeling van de president omtrent het verongelukken van de stoomboot “Overijssel” op Guardafui.023.
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat kapitein W.S.Kramers met vlagnummer als gezagvoerde in de ledenlijsten van058:
* 1865, 1866 bark “Bar. v. Palland v. Rosendaal” 399 last Huijgens & Hardenberg te Den Haag
* 1867 bark “Nederland en Oranje” 399 last van Zeijlen & Decker te Rotterdam
* 1877 ss “Drenthe” 2333 last Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam
* 1878 ss “Overijssel” 1378 last Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1880 t/m 1883 geen vermelding van schip en boekhouder
W.S.Kramers was in 1876 gezagvoerder van het stoomschip "Groningen", 2500 BRT, gebouwd in 1874 bij Mitchell & Co te Newcastle o/T (UK) voor de Stoombootreederij Rotterdamsche Lloyd (een bedrijf van W.Ruys) te Rotterdam. De "Groningen" strandde op 06 januari 1876 op de Maasvlakte en ging verloren024 en 025.
W.S.Kramers was in 1879 gezagvoerder van het ijzeren schroefstoomschip de "Overijssel", 2198 BRT, in 1878 gebouwd bij Raylton, Dixon & Co te Middelsbro (UK) eveneens voor de Stoombootreederij Rotterdamsche Lloyd. "... 15 juli 1879 bij Kaap Guardafui gestrand en verloren gegaan"024 en 025.
Bouma025 vermeldt W.S.Kramers als gezagvoerder gedurende:
* 1865 van de bark “Commissaris des Konings van der Helm”, gebouwd in 1865 te Alblasserdam, 662 ton o.m., varend voor Huygens & Hardenberg te Den Haag. Bouma vermeldt eveneens in 1865 en nà kapitein Kramers ene H. van Moerkerken als gezagvoerder. Het schip is in 1865 bij Manilla gestrand en wrak geraakt en het lijkt erop dat, tijdens deze laatste reis van Moerkerken het gezag heeft overgenomen. Maar zkeerheid hierover heb ik niet;
* 1870 t/m 1871 van de bark “Suzanne Johanna” ex Koning & Vaderland, gebouwd in 1854 te Vlaardingen, 498 ton o.m., varend voor van Zeylen & Dekker te Rotterdam. Het schip werd in 1871 verkocht naar het buitenland;
* 1872 t/m 1873 van het ijzeren schroefstoomschip “Feyenoord”, gebouwd in 1850 te Feyenoord, 287 ton o.m., varend voor de Ned. Stoomboot Maatschappij te Rotterdam, dir. D.L.Wolfson;
* 1874 t/m 1875 van het rader stoomschip “Batavier I”, gebouwd in 1872 te Feyenoord, 713 ton o.m., varend voor de Ned. Stoomb. Mij. Dir. D.L.Wolfson te Rotterdam;
* 1876 van het schroefstoomschip “Groningen”, gebouwd in 1874 bij Mitchell te Glasgow, 3000 ton o.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm. Ruys te Rotterdam. Op de Maasdroogte gestrand en wrak;
* 1877 t/m 1878 van het ijzeren schroefstoomschip “Drenthe”, gebouwd in 1876 te Newcastle, 2500 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam
* 1879 van het ijzeren schroefstoomschip “Overijssel”, gebouwd in 1878 te Middlesbro, 2600 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam. Het schip strandde in 1879 bij Kaap Guardafui (een kaap in het uiterste noordoosten van Somalië bij de ingang van de Golf van Aden).
* 1880 van het ijzeren schroefstoomschip “IJmuiden” ex Cumbrae, gebouwd in 1869 te Renfrew, 643 ton o.m., varend voor de Amsterdamsche Stoomvaart Vereeniging, C.W.Zethraeus & M. van Emmerik te Amsterdam. Het schip werd op 27 oktober 1880 vermist op weg van IJmuiden naar Stettin025.
Overige bijzonderheden
In: Roeiredders van het Marsdiep 1824-1923094 staat in de biografie van Cornelis Dito (1830-1886) ( p.21-27) de volgende tekst:
: Bij een poging om … het bij Texel gestrande schip ‘Baron van Pallandt van Rozendaal ‘ de haven van Nieuwediep binnen te brengen, werden zowel zijn vlet (van Cornelis Dito) als het schip in elkaar geslagen.”
Op 06 januari 1876 strandde het ss “Groningen”, op weg van Antwerpen naar Rotterdam, op de Maasvlakte en ging verloren. De opvarenden werden gered.
Het ss. Groningen” werd gebouwd in 1875 bij c. Mitchel & Co , Newcastel on Tyne, mat 2475 Brt. en voer voor Wm.Ruys & J.Hoven te Rotterdam072.
Het zusterschip van de “Friesland”, het ss “Groningen”verging al na 11 maanden na de bouw. “Het strandde tijdens een storm, komende uit Antwerpen, op 6 januari 1876 bij het, onder loodsaanwijzing, binnenlopen van de Nieuwe Waterweg op de Maasvlakte en ging totaal verloren. In de weken erna zonk het tot een diepte van zes meter weg in het zand en de modder. … De resten van het schip zijn in 2007, 130 jaar later, verwijderd om de uitdieping van een vaargeul op de Maasvlakte mogelijk te maken.
Uit: De lotgevallen van Johannes Plantenga (1853-1877): De schipbreuk van het stoomschip “Friesland” door Bram Plantenga, Gens Nostra 63, 12, december 2008, p. 741-745.
Op 27 oktober 1880 vertrok van IJmuiden naar Stettin het ss. IJmuiden” en werd sedertdien vermist. Er waren 12 slachtoffers.
Het ss. “IJmuiden” werd gebouwd in 1869 bij Simons & Co te Renfrew, mat 643 Brt. en voer voor de Amsterdamsche Stoomvaart Vereeniging te Amsterdam072.
Op 15 juli 1879 strandde bij Kaap Guardafui, op weg van Batavia naar Rotterdam, het ss. “Overijssel” en ging verloren. 5 bemanningsleden kwamen om, de overige opvarenden wisten aan de wal te komen en werden na 30 dagen verblijf in de Arabische woestijn, door het Britse oorlogsschip Dagmar aan boord genomen.
Het ss. Overijssel” werd in 1878 gebouwd bij Raylton Dixon & Co te Middlesbo, mat 2368 Brt. en voer voor Wm.Ruys & Zonen te Rotterdam072.
W.S.Kramers vervoerde met de “Drenthe” detachementen van landmachtmilitairen naar Batavia op de volgende reizen:065*
* Vertrek 03 april 1876 uit Nieuwediep. Aankomst 21 mei 1876 na 48 dagen. 8 officieren en 210 manschappen.
* Vertrek 06 september 1876 uit Rotterdam. Aankomst 22 oktober 1876 na 46 dagen. 6 officieren en 105 manschappen. Onderweg bleef 1 officier achter in Padang en werd bij aankomst in Batavia 1 manschap vermist.
* Vertrek 27 januari 1877 uit Vlissingen. Aankomst 16 maart 1877 na 48 dagen. 5 officieren en 158 manschappen.
* Vertrek 23 juni 1877 uit Rotterdam. Aankomst 07 augustus 1877 na 45 dagen. 7 officieren en 133 manschappen.
* Vertrek 17 november 1877 uit Nieuwediep. Aankomst 06 januari 1878 na 50 dagen. 9 officieren en 106 manschappen.
* Vertrek 10 april 1878 uit Rotterdam. Aankomst 24 mei 1878 na 44 dagen. 3 officieren en 106 manschappen.
* Vertrek 25 september 1878 van Rotterdam. Aankomst 15 november 1878 na 51 dagen. 5 officieren en 80 manschappen. Een detachement van 4 officieren en 80 manschappen, vertrokken op 14 september 1878 vanuit Rotterdam op de “Prins Hendrik”, is te Cadiz overgegaan aan boord van de “Drenthe”.
Hij vervoerde vanuit Rotterdam troepentransporten met de “Overijssel” op de volgende reizen:065*
* Vertrek 08 mei 1878. Aankomst 22 juni 1878 na 45 dagen. 3 officieren en 106 manschappen. Bij aankomst ontbrak 1 officier zonder opgaaf van redenen.
Deze en de vorige opgave kloppen niet met elkaar. Gezien de opgaven bij Bouma025 weet ik vooralsnog niet hoe dit probleem op te lossen.
“De Prinses Amalia kreeg op de vijfde uitreis, vier uur na het verlaten van Suez op 7 april 1876, een gebroken krukas. Het schip werd teruggesleept naar Suez door het stoomschip Mandalay, maar kon daar niet worden gerepareerd. De lading ging uiteindelijk met de gecharterde Larington door naar Batavia. Het voor Indië bestemde landmachtdetachement aan boord vervolgde de overtocht met het SNM-schip Prins Hendrik (II) en het marinedetachement met het oorlogsschip Prins Hendrik der Nederlanden; de overige passagiers gingen verder met de Drenthe, de Prins Hendrik en een Franse mailboot. De Engelse sleper Anglia bracht de Pinses Amalia naar de Elder-werf in Port Glasgow.”
Uit: “De eeuw van ‘Nederland’. Geschiedenis en vloot van de Stoomvaart Maatschappij ‘Nederland’” door A.J.J.Mulder.c.s. Uitg. Asia Maior. 2003.
Familiegegevens
Anthonius Hendrikus werd geboren op 08.10.1847 te Delfshaven als z.v. Lucas Klein en Margaretha Helena de Hoog.
Anthonius Hendrikus trouwde op 13.04.1882 te Schiedam met Maria Johanna Elisabeth Heidveldt – geb. 25.06.1886 te Amsterdam – d.v. Franciscus Leonardus Heidveldt en Johanna Engelis.
Anthonius Hendrikus overleed op 11.01.1922 te ’s-Gravenhage (74).
Kinderen
- Margaretha Helena Maria
- Johanna Wilhelmina Theodora Maria
- Catharina Maria
- Anthonius Hendrikus Hermanus
- Willebrordus Theodorus
Opleiding
Behaalde het diploma 3e stuurman Grote Stoomvaart ??
Behaalde het diploma 2e stuurman Grote Stoomvaart ??
Behaalde het diploma 1e stuurman Grote Stoomvaart ??
De schepen van de kapitein
* 1882 – van het s.s. DRENTHE
* 1883 – van het s.s. ZUID-HOLLAND
* 1889 – van het s.s. SOERABAJA
* 1890 – van het s.s. SAMARANG
* 1894 – van het s.s. MERAPI
* 1900 – van het s.s. MALANG
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rott. Lloyd.
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER S. PARMA:
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
A.H.Klein was met vlagnummer R43 in de periode 1881 t/m 1885 lid voor de vlag van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart. Dat betekende dat hij wèl de Maatschappijvlag mocht voeren, maar geen recht had op financiële tegemoetkomingen058.
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
geen
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat kapitein A.H.Klein met vlagnummer R43 als gezagvoerder in de ledenlijsten van058:
* 1881, 1882 van het ss. “Drenthe” 2333 ton varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1883 van het ss. Zuid-Holland” 2258 ton varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
Bouma025 vermeldt A.H.Klein als gezagvoerder van/in:
* 1881 t/m 1882 van het ijzeren schroefstoomschip “Vesta”, ex Pauline, gebouwd in 1857 te Hartlepool, 305 ton o.m., varend voor de KNSA C.A. von Hemert & M.H.Insinger te Amsterdam;
* 1882 van het ijzeren schroefstoomschip “Drenthe”, gebouwd in 1876 te Newcastle, 2500 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1884 op het schroefstoomschip “Zuid Holland”, gebouwd in 1882 te Middlesbro, 2258 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1885 t/m 1886 op hetzelfde schip maar nu varend voor de Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam
* 1887 t/m 1890 van het ijzeren schroefstoomschip “Soerabaya”, gebouwd in 1884 te Vlissingen, 2300 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1891 op het schroefstoomschip “Samarang”, gebouwd in 1883 te Middlesbro, 2285 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam
Overige bijzonderheden
A.H.Klein transporteerde vanuit Rotterdam detachementen landmachtmilitairen met de “Drenthe” naar Batavia op de volgende reizen065*:
* Vertrek 22 april 1882. Aankomst 09 juni 1882 na 48 dagen. 2 officieren en 53 manschappen.
* Vertrek 16 september 1882. Aankomst 06 november 1882 na 51 dagen. 2 officieren en 42 manschappen.
Hij vervoerde vanuit Rotterdam detachementen met de “Zuid-Holland” tijdens de volgende reizen:
* Vertrek 15 januari 1884. Aankomst 25 februari 1884 na 51 dagen. 3 officieren en 55 manschappen.
* Vertrek 07 juni 1884. Aankomst 23 juli 1884 na 46 dagen. 2 officieren en 82 manschappen.
* Vertrek 08 november 1884. Aankomst 27 december 1884 na 49 dagen. 3 officieren en 33 manschappen.
Bossenbroek065 vermeldt op p.60 dat schepen die troepen vervoerden “extra-inkomsten niet versmaden werden: in Djeddah nam de Zuid-Holland waarop de Duitse tamboer in 1884 de overtocht maakte (verwijst naar ene Stoll, die zijn belevenissen optekende als Erlebnisse), circa 400 terugkerende bedevaartgangers aan boord benevens (tot Ceylon) een sultan met zijn gevolg. Het kostte de ongelukkige perlgrims wel hun rijshouten relikwieën. De niet al te fijngevoelige kapitein (dit slaat dus op kapitein Klein) ‘konnte … nicht einsehen dass sich zwischen diesem Reisig und dem von Sumatra oder Java ein Unterschied fände, und liess daher sämmtliche Bündel über Bord werfen.”065
* Vertrek 30 januari 1886. Aankomst 19 maart 1886 na 48 dagen. 4 officieren en 64 manschappen. Bij aankomst ontbrak 1 officier zonder opgave van redenen.
* Vertrek 04 december 1886. Aankomst 26 januari 1887 na 53 dagen. 4 officieren en 164 manschappen.
Hij vervoerde vanuit Rotterdam detachementen met de “Soerabaya” op de volgende reizen:
* Vertrek 21 mei 1887. Aankomst 06 juli 1887 na 46 dagen. 2 officieren en 60 manschappen.
* Vertrek 08 oktober 1887. Aankomst 19 november 1887 na 42 dagen. 3 officieren en 58 manschappen.
* Vertrek 14 juli 1888. Aankomst 26 augustus 1888 na 43 dagen. 2 officieren en 32 manschappen.
* Vertrek 07 september 1889. Aankomst 17 oktober 1889 na 40 dagen. 2 officieren en 33 manschappen.
* Vertrek 25 januari 1890. Aankomst 08 maart 1890 na 42 dagen. 4 officieren en 40 manschappen.
Hij vervoerde vanuit Rotterdam detachementen met de “Samarang” op de volgende reizen:
* Vertrek 21 maart 1891. Aankomst 02 mei 1891 na 42 dagen. 3 officieren en 54 manschappen.
* Vertrek 30 april 1892. Aankomst 11 juni 1892 na 42 dagen. 3 officieren en 79 manschappen.
* Vertrek 03 september 1892. Aankomst 14 oktober 1892 na 41 dagen. 3 officieren en 54 manschappen.
* Vertrek 24 juni 1893. Aankomst 02 augustus 1893 na 39 dagen. 3 officieren en 78 manschappen. Bij aankomst ontbeekt 1 officier zonder opgave van reden.
* Vertrek 28 oktober 1893. Aankomst 07 december 1893 na 40 dagen. 2 officieren en 54 manschappen.
* Vertrek 03 maart 1894. Aankomst 14 april 1894 na 42 dagen. 3 offcieren en 43 manschappen.

Familiegegevens en opleiding
Willem werd geboren op 31 okt. 1855 te Vlaardingen als z.v. Cornelis de Zeeuw Bagchus en Maria van West.
Willem trouwde op 26.04.1882 te Vlaardingen met Margaretha Christina van der Tas – geb. 02.04.1860 te Vlaardingen - d.v. Adriaan van der Tas en Maartje Broek.
Margaretha Christina overleed op 16 dec. 1934 te Rijswijk.
Willem overleed op 11.03.1920 te Rijswijk (64).
Kinderen
- Adriaan – 1885
- Maria – 1887
- Cornelis Willem – 1890
- Christina Maartje – 1891
- Maartje – 1894
- Margaretha Christina - 1895
De schepen van de kapitein
* 1890 – 1891 van het s.s. ARIADNE – geb. in 1879
* 1891 – 1892 van het s.s. DRENTHE – geb. in 1876
* 1892 – 1892 van het s.s. SPARTAN – geb. in 1890
* 1892 – 1893 van het s.s. SOERABAJA – geb. in 1884
* 1893 – 1895 van het s.s. BATAVIA – geb. in 1883
* 1896 – 1899 van het s.s. BROMO – geb. in 1888
* 1899 – 1902 van het s.s. ARDJOENO – geb. in 1891
* 1902 – 1903 van het s.s. GEDÉ – geb. in 1892
* 1903 – 1904 van het s.s. ARDJOENO – geb. in 1891
* 1904 – 1905 van het s.s. GEDÉ – geb. in 1892
* 1905 – 1907 van het s.s. WILIS – geb. in 1905
* 1907 – 04/1909 van het s.s. KAWI – geb. in 1907
* 04/1909 – 1910 van het s.s. SINDORO – geb. in 1900
* 03/1910 – 1913 van het s.s. TAMBORA – geb. in 1910
* 06/1913 – 1914 van het s.s. GOENTOER – geb. in 1902
* 03/1914 – 12/1915 van het s.s. INSULINDE – geb. in 1914
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rott. Lloyd.
De Locomotief 12-06-1907
Een jubileum.
Door een passagier van de WILIS werd aan het Soer. Hdbl. het een en ander medegedeeld overeen feest aan boord ter gelegenheid Van de 35-jarige echtvereeniging van den commandant, den heer W. Bagchus. Er werd bij deze gelegenheid een „speciaal orgaan” uitgegeven, genaamd De jubilaris. Op leuke wijze wordt de levensgeschiedenis van den jovialen commandant gegeven: Willem Bagchus den 31en October 1855 gehoren, is de zoon van een zeevaarder, zooals die het was van diens vader enz. enz. Papa Bagchus was gezagvoerder van een te Vlaardingen thuis behoorenden drie-mast Schoener en de zoon kreeg ook al spoedig lust in zo’n commando. Na eerst ter haringvangst te hebben gevaren, ging de tegenwoordige commandant van de WILIS ter „Koffarday” —zooals dat vroeger gebruikelijk was en wel naar den Oost Amerika en Japan. Den 26en April 1882 kwam aan het jonggezellenleven van onzen Willem een einde en het was mejuffrouw Vander Tas, die hem voor anker bracht, waarop al spoedig den 26en Juni van dat jaar, zijn benoeming tot gezagvoerder in dienst der Rotterdamsche Lloyd Volgde. Het echtpaar bleef niet alleen en het huwelijk werd volgens de modernste begrippen rijkelijk gezegend. In 1886 werd Adriaan geboren, in 1887 Marie, in 1890 Kees, in 1892 Christina en in 1896 Margaretha, zie hier het vijftal kinderen, dat heden met de moeder den feestdag viert en meermalen in gedachten aan boord van den mailstoomer Wilis zal zijn. De geheele familie Bagchus maakt het goed. De gezagvoerder-jubilaris is gezond en flink en zijne afwezige wederhelft en kinderen eveneens, gelijk heden per vertikaal-draadtelegram naar hier werd overgeseind. Wij wenschen van harte, dat nog vele jaren voorspoed en gezondheid aan de geheele familie Bagchus zullen brengen. Onder de „gevleugelde woorden” is het volgende niet onaardig: ,,Bergen, bergen! Wat koop ik voor bergen en schoone vergezichten: tabak moet ik hebben om te laden.” Volgens den vriendelijken berichtgever heeft men aan boord van de WILIS het zilveren feest met groote opgewektheid gevierd.
HetN.vd.Dag v.N.I. 10-11-1915
Kapitein W. Bagchus, wiens portret wij afdrukken in het nummer van heden, de alom bekende en sympathieke gezagvoerder van de gisteren hier aangekomen INSULINDE, vierde op 31 October j.l. zijn 26 jarig jubileum als kapitein van de Rott. Lloyd, terwijl deze reis ook de laatste zal zijn van kapitein Bagchus als gezagvoerder.
De dag van 31 October is dan ook aan boord van de INSULINDE feestelijk gevierd, zoals een passagier ons meedeelde. De sympathieke zeeman werd die dag een feestje aangeboden, dat uitmuntend geslaagd is.
Een der passagiers, Dr. Pareau, voerde het woord, toen 's morgens om 11 uur een glas champagne werd rondgediend. Des avonds na tafel werden eenige aardige voordrachten gehouden en aan tafel zelf ontbrak het niet aan de nodige toasten, waarvan zelfs enkele op rijm waren gesteld. Ook de Directeur van de Rott. Lloyd, de heer W. Ruys, sprak aan het diner woorden van gelukwens tot kapt. Bagchus. Ook wij wensen kapitein Bagchus van harte geluk met zijn jubileum, en hopen dat het nog lange jaren zal kunnen genieten van een otium cum dignitate, een periode van welverdiende rust.
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER PARMA:
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt W.Bagchus als gezagvoerder gedurende:
* 1890 van het schroefstoomschip “Ariadne” ex Zulu; gebouwd in 1879 te Stockton, 1364 ton o.m., varend voor W.Ruys & Zn. Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam;
* 1891 op het ijzeren schroefstoomschip “Drenthe”, gebouwd in 1876 te Newcastle, 2500 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam;
* 1892 van het ijzeren schroefstoomschip “Spartan” ex Citta di Venezia, gebouwd in 1890 te Newcastle, 3794 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam. Het schip is verkocht in Chili;
* 1892 van het ijzeren schroefstoomschip “Soerabaya”, gebouwd in 1884 te Vlissingen, 2300 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
* 1893 t/m 1894 van het schroefstoomschip “Batavia”, gebouwd in 1883 te Vlissingen, 2223 ton n.m., varend voor Wm.Ryus & Zn te Rotterdam. Het schip werd herdoopt in Soembing;
* 1896 t/m 1898 van het schroefstoomschip “Bromo”, gebouwd in 1888 te Vlissingen, 2600 ton, varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm. Ruys & Zn te Rotterdam
* 1899 e.v. van het stalen schroefstoomschip “Ardjoeno”, gebouwd in 1891 te Vlissingen, 2600 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam.
W.Bagchus was van 1896-1897 gezagvoerder van het stalen passagiers-vrachtschip “Bromo”, gebouwd in 1888, 2507 ton, varend voor de Rotterdamsche Lloyd.052..
Overige bijzonderheden
W.Bagchus vervoerde vanuit Rotterdam troepentransporten van landmachtmilitairen naar Batavia met de “Drenthe” op de volgende reizen065*:
Vertrek 21 februari 1891. Aankomst 06 april 1891 na 44 dagen. 3 officieren en 64 manschappen.
Vertrek 28 november 1891. Aankomst 11 januari 1892 na 44 dagen. 3 officieren en 74 manschappen.
Hij transporteerde militairen vanuit Rotterdam met de “Soerabaya” op de volgende reis:
Vertrek 20 augustus 1892. Aankomst 28 september 1892 na 39 dagen. 2 officieren en 59 manschappen.
Hij vervoerd militairen vanuit Rotterdam met de “Bromo” op de volgende reizen:
Vertrek 29 februari 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 47 manschappen.
Vertrek 20 juni 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 64 manschappen.
Vertrek 24 oktober 1896. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 43 manschappen.
Vertrek 27 februari 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren.
Vertrek 03 juli 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 53 manschappen.
Vertrek 06 november 1897. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 94 manschappen.
Vertrek 12 maart 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 1 officier.
Vertrek 02 juli 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 2 officieren en 55 manschappen.
Vertrek 22 oktober 1898. Aankomstdatum niet vermeld. 3 officieren en 43 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Ardjoeno” op de volgende reizen:
Vertrek 01 jul 1899. Aankomst niet vermeld. 1 officier,
21 oktober 1899. Aankomst niet vermeld. 3 officieren en 37 manschappen.
02 juni 1900. Aankomst niet gemeld. 3 officieren en 32 manschappen.
Deze kapitein zal ook later nog wel militairen hebben vervoerd maar deze heb ik niet meer opgenomen.
E-Mail aan Jan Klootwijk dd 12 februari 2006 van Doeke Bakker.
Aan de heer Klootwijk.
Geachte heer,
Van mijn achterneef Dirk Vedder kreeg ik informatie met foto’s van de Ardjoeno waarvoor mijn dank. Ik ben een kleinzoon naamgenoot van Doeke Bakker destijds kapitein op de Ardjoeno en woon opdezelfde plaats waar mijn grootvader heeft gewoond en is overleden op 19 December 1923. Zelf ben ik geboren in 1927 en heb hem dus niet gekend, wel mijn grootmoeder. Mijn grootvader was geboren in 1850. We hebben nog een groot schilderij van de Ardjoeno. Afmetingen 100 bij 70 c.m. Met vol tuigage. Mijn vader vertelde altijd dat dit geschilderd was in de haven van Antwerpen. Waar men daar waarschijnlijk de zeilen had opgedaan, want er mankeerde niets aan. Het is echter op volle zee met een vuurtoren in de verte en een loodsboot in de buurt. Het hing altijd bij ons thuis in de kamer en als kinderen vonden wij dat altijd indrukwekkend. Het hangt nu bij mijn zoon in een oud Amelander huis van 200 jaar waar het beter tot zijn recht komt. Ook hebben we nog de barometer van de Ardjoeno, de verrekijker en de grote vlag. In het boek Van scheepsjongen tot schipper van de heer Leegwater later loods in IJmuiden beschrijft deze een paar reizen als stuurmansleerling op de Ardjoeno bij mijn grootvader als kapitein naar Oost Indie.
Doeke Bakker Camminghastraat 1 9162 E K Ballum Ameland. Tel: 0519 554029.
In het tijdschrift De Zee, Jg 1896, p106-108 staat een artikel van W.Bachus met als titel “Kustverlichting in Nederlandsch-Indië”.
In Nederlands Scheepvaart Museum onder Signatur J-100 “Van Scheepsjongen tot schipper: een zeemansleven” door J.Leegwater, 1946.
Deze vermelding kan ik niet (meer) thuisbrengen. Wellicht een vermeldingvan kapitein Bagchus? Nakijken in Scheepvaartmuseum te Amsterdam.
|