Familiegegevens
De naam komt in de akten ook voor als Sikemeijer !
Eduard Willem werd geboren op 18.05.1841 te Amsterdam als z.v. Johann Heinrich Sikemeier en Geertruida Elisabeth Jansen.
Eduard Willem(32) (gezagv.) trouwde met de handschoen op 19.03.1874 te Rotterdam met Anna Geertruida Verbeek – geb. 09.10.1843 te Rotterdam – d.v. Jan Jacob Verbeek (zilversmid) en Anna Petronella Haddik.
(Zijn broer JAN HENDRIK was vertegenwoordiger voor hem)
Anna Geertruida Verbeek overleed op 11.08.1932 te ’s-Gravenhage (88).
Eduard Willem overleed op 07.05.1930 te ’s-Gravenhage (88).
Kinderen
- Eduard Willem – geb. 24.03.1875 te Osaka.
- Johann Hendrik – geb. 22.04.1877 te Yokohama.
De schepen van de kapitein
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
* 19.. – 1901 van het s.s. SINDORO
Ging op 16.01.1902 met pensioen
ONDERSTAANDE GEGEVENS ZIJN VAN DE HEER S. PARMA:
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
E.W.Sikemeijer was met vlagnummer R3 in de periode 1880 t/m 1903 lid voor de vlag van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart. Dit betekende dat hij wèl de Maatschappijvlag mocht voeren, maar geen recht had op financiële tegemoetkoningen058.
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
Geen
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat kapitein E.W.Sikemeier met vlagnummer R3 als gezagvoerder in de ledenlijsten van058:
* 1880 van het ss. “Gelderland” 2177 ton n.m. varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1881 van het ss. “Zuid-Holland” c. 2177 ton varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1882 van het ss. “Zuid-Holland” 2258 ton varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1883 van het ss. “Samarang” 2285 ton varend voor Wm. Ruys & Zonen te Rotterdam
* 1885 van het ss. “Drenthe” 3130 ton varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
* 1886, 1887 van het ss. “Samarang” 2285 ton varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
* 1888 geen vermelding van schip en boekhouder
* 1890 van het ss. “Bromo” 1608 ton net varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
* 1891 van het ss. “Salak” 1880 ton net varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
* 1892 t/m 1898 van het ss. “Gedé” 2258 ton net varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
* 1899 t/m 1901 van het ss “Sindoro” 3474 ton net varend voor de Rott. Lloyd te Rotterdam
Bouma025 vermeldt E.W.Sikemeijer als gezagvoerder gedurende:
-
* 1880 t/m 1881 op het schroefstoomschip “Gelderland”, gebouwd in 1878 te Middlesbro, 2177 ton n.m., varend voor Wm. Ruys & Zn te Rotterdam;
-
* 1882 t/m 1883 op het schroefstoomschip “Zuid Holland”, gebouwd in 1882 te Middlesbro, 2258 ton n.m., varend voor Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
-
* 1884 op het schroefstoomschip “Samarang”, gebouwd in 1883 te Middlesbro, 2285 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam
-
* 1886 op het ijzeren schroefstoomschip “Drenthe”, gebouwd in 1876 te Newcastle, 2500 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam;
-
* 1887 t/m 1888 op het schroefstoomschip “Samarang”, gebouwd in 1883 te Middlesbro, 2285 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam
-
* 1890 t/m 1891 van het schroefstoomschip “Bromo”, gebouwd in 1888 te Vlissingen, 2600 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
-
* 1892 van het stalen schroefstoomschip “Salak”, gebouwd in 1891 te Vlissingen, 2604 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd te Rotterdam
-
* 1893 t/m 1898 op het schroefstoomschip “Gedeh”, gebouwd in 1892 te Vlissingen, 2995 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd, Wm.Ruys & Zn te Rotterdam;
-
* 1900 en later van het DS Stoomschip “Sindoro”, gebouwd in 1900 te Vlissingen, 5000 ton n.m., varend voor de Rotterdamsche Lloyd (1883) te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
E.W.Sikemeijer transporteerde vanuit Rotterdam transporten van landmachtmilitairen met de “Gelderland” naar Batavia op de volgende reizen (de reizen in 1878 en 1879 zijn onder voorbehoud!)065*
* Vertrek 28 augustus 1878. Aankomstdatum niet vermeld. 4 officieren en 80 manschappen. Het detachement is in Cadiz overgegaan op de “Drenthe”;
-
* Vertrek 12 februari 1879. Aankomst 29 maart 1879 na 45 dagen. 7 officieren en 106 manschappen.
-
* Vertrek 30 juli 1879. Aankomst 09 augustus 1879 na 41 dagen. 6 officieren en 110 manschappen.
-
* Vertrek 19 december 1879. Aankomst 05 februari 1880 na 48 dagen. 3 officieren en 59 manschappen.
-
* Vertrek 27 november 1880. Aankomst 12 januari 1881 na 46 dagen. 2 officieren en 96 manschappen.
-
* Vertrek 07 mei 1881. Aankomst 26 juni 1881 na 50 dagen. 3 officieren en 44 manschappen.
-
* Vertrek 29 oktober 1881. Aankomst 13 december 1881 na 45 dagen. 3 officieren en 60 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Zuidholland” op de volgende reizen:
* Vertrek 07 januari 1882. Aankomst 24 februari 1882 na 48 dagen. 2 officieren en 43 manschappen.
-
* Vertrek 26 maart 1883. Aankomst 16 mei 1883 na 51 dagen. 2 officieren en 39 manschappen.
* Vertrek 18 augustus 1883. Aankomst 03 oktober 1883 na 46 dagen. 1 officier en 37 manschappen.
-
* Vertrek 03 juni 1882. Aankomst 16 juli 1882 na 43 dagen. 3 officieren en 53 manschappen065*.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Samarang” op de volgende reizen:
* Vertrek 02 oktober 1883. Aankomst 16 november 1883 na 45 dagen. 3 officieren en 33 manschappen;
* Vertrek 16 februari 1884. Aankomst 04 april 1884 na 48 dagen. 3 officieren en 43 manschappen;
* Vertrek 20 december 1884. Aankomst 05 februari 1885 na 47 dagen. 3 officieren en 49 manschappen;
Hij transporteerde vanuit Rotterdam de “Drenthe” op de volgende reizen:
* Vertrek 13 maart 1886. Aankomst 29 april 1886 na 47 dagen. 2 officieren en 53 manschappen. Bij aankomst ontbraken 6 manschappen zonder opgave van redenen.
-
* Vertrek 14 augustus 1886. Aankomst 27 september 1886 na 44 dagen. 2 officieren en 56 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Samarang” op de volgende reizen:
-
* Vertrek 02 juli 1887. Aankomst 15 augustus 1887 na 44 dagen. 2 officieren en 38 manschappen. Bij aankomst ontbraken 5 manschappen zonder opgave van redenen
-
* Vertrek 19 november 1887. Aankomst 04 januari 1888 na 46 dagen. 2 officieren en 40 manschappen. Bij aankomst ontbraken 5 manschappen zonder opgave van redenen.
-
* Vertrek 24 maart 1888. Aankomst 10 mei 1888 na 47 dagen. 2 officieren en 64 manschappen.
-
* Vertrek 11 augustus 1888. Aankomst 23 september 1888 na 43 dagen. Bij aankomst waren er 2 man extra aan boord zonder opgaven van redenen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Bromo” op de volgende reizen:
* Vertrek 17 mei 1890. Aankomst 25 juni 1890 na 39 manschappen. 3 officieren en 79 manschappen.
* Vertrek 04 oktober 1890. Aankomst 12 november 1890 na 39 dagen. 3 officieren en 44 manschappen.
* Vertrek 14 november 1891. Aankomst 24 december 1891 na 40 dagen. 3 officieren en 54 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Salak” op de volgende reizen:
* Vertrek 17 oktober 1891. Aankomst 24 november 1891 na 38 dagen. 2 officieren en 56 manschappen.
* Vertrek 05 maart 1892. Aankomst 12 april 1892 na 38 dagen. 3 officieren en 79 manschappen.
* Vertrek 09 juli 1892. Aankomst 15 augustus 1892 na 37 dagen. 2 officieren en 54 manschappen.
* Vertrek 26 november 1892. Aankomst 03 januari 1893 na 38 dagen. 2 officieren en 44 manschappen.
Hij transporteerde vanuit Rotterdam met de “Gedeh” op de volgende reizen:
* Vertrek 01 april 1893. Aankomst 08 mai 1893 na 37 dagen. 2 officieren en 48 manschappen.
* Vertrek 14 april 1894. Aankomst 20 mei 1894 na 36 dagen. 2 officieren en 32 manschappen.
* Vertrek 18 augustus 1894. Aankomst 30 september 1894 na 43 dagen. 2 officieren en 32 manschappen.
* Vertrek 22 december 1894. Aankomst 28 januari 1895 na 37 dagen. 3 officieren en 56 manschappen.
* Vertrek 27 april 1895. Aankomst niet gemeld. 2 officieren en 42 manschappen.
* Vertrek 31 augustus 1895. Aankomst niet gemeld. 1 officier en 33 manschappen.
* Vertrek 25 april 1896. Aankomst niet gemeld. 4 officieren.
* Vertrek 29 augustus 1896. Aankomst niet gemeld. 2 officieren en 46 manschappen.
* Vertrek 24 april 1897. Aankomst niet gemeld. 2 officieren en 64 manschappen.
* Vertrek 27 augustus 1898. Aankomst niet gemeld. 3 officieren en 54 manschappen..
In het tijdschrift “De Zee”, Jg. 9, 1887, pp304-307 (aanwezig op o.a. het Scheepvaartmuseum te Amsterdam) staat een artikel “Eenige mededeelingen uit de Metereologische Journalen”, waarin een weergave uit het Journaal van het ss. “Samarang” onder kapitein E.W.Sikemeier en wel “omtrent de mousson gedurende de laatste helft van de maand April in het Oostelijk deel van den Indischen Oceaan.” “Passeerden Vlakke hoek om 3 u. 10 min. ’s morgens van den 17den April en Engana des namiddags 6 u. Ondervonden eene opvolging van harde wind van WNW-WZW met veel regen en vliegende buien er bij, tot Zondagnacht 24 April, met sterken stroom tegen. Daarna klaarde de lucht op en veranderde het weer gunstig; arriveerden te Colombo Maandagnamiddag 3 uur 30 min. … “. Daarna in het verslag nog wat meterelogische gegevens tijdens de reis nà Colombo en bij kaap Guardafui.
Familiegegevens
Arij werd geboren op 31.10.1863 te Vlaardingen als z.v. Dirk van Leeuwen en Cornelia Lena van West.
Arij (30) trouwde op 06.06.1894 te Vlaardingen met Catharina van Roon – geb. 12.05.1864 – overleden 14.07.1956 – d.v. Petrus Leonardus van Roon en Maria Heubink.
Arij is overleden op 21.07.1925 te Rotterdam in het Diaconessenhuis en begraven te Vlaardingen (61)
(Overlijdensbericht in de Nieuwe Vlaardingsche Courant van 24-07-1925)
Kinderen
Een.
Opleiding
Behaalde het diploma 3e stuurman grote zeilvaart ??
Behaalde het diploma 2e stuurman grote zeilvaart in maart 1887 te Amsterdam
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart in december 1890 te Rotterdam
De schepen van de kapitein
* 1905 – van het s.s. LAWOE
* 1908 – van het s.s. SALAK
* 1910 – van het s.s. SINDORO
* 1913 – van het s.s. TAMBORA
* 1915 – van het s.s. RINDJANI
* 1915 – van het s.s. KAWI
* 1920 – van het s.s. TABANAN
* 1920 – van het s.s. TAMBORA
* 1922 – 1924 van het pass.schip TJERIMAI
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
D.I.C. 030424
Gezagvoerder TJERIMAI – A. van Leeuwen – 2 apr.1924 van Batavia naar Rotterdam
Laatste reis, daarna met pensioen.
Zie Verslag van de RvdS 1923 – Nr. 53 – Stoten van s.s. TJERIMAI op 24.04.1923.

Familiegegevens
Jacobus Marinus werd geboren op 10.08.1872 te Enschede als z.v. Christiaan George Meerburg en Maria Elisabeth Naber.
Jacobus Marinus (27) (stuurman) trouwde op 19.12.1899 te Haarlem met Margaretha Oudshoorn (23) – geb. 11.10.1876 te Haarlem – d.v. Arend Oudshoorn en Johanna Cornelia de Jongh.
Margaretha Oudshoorn overleed op 16.02.1901 te Haarlem (24).
Jacobus Marinus (31) hertrouwde op 28.07.1904 te Rotterdam met Maria Elisabeth van Lummel (25) – geb. 21.08.1878 te Doetinchem – d.v. Kornelis Adrianus van Lummel en Jacoba Gerarda Barendina Gerretsen.
Maria Elisabeth van Lummel overleed op 23.04.1936 te Doorn (57).
Jacobus Marinus overleed op 06.01.1933 te Doorn (60).
(Overlijdensbericht in het Rott. Nieuwsblad van 09-01-1933)
Kinderen
- Christiaan George
- Christiaan George
- Cornelia Adriana
Opleiding
J.M. Meerburg werd op 08.08.1887 ingeschreven bij de Kweekschool voor de Zeevaart te Amsterdam.
Na het volgen van de 3-jarige cursus werd hij op 09.08.1890 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s. BATAVIA, kapt. De Gruijter, naar Java. Op 19.02.1891 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s.DRENTHE, kapt. Brouwer, naar Java. Op 24.06.1891 geplaatst als lichtmatroos a/b van het s.s. BROMO, kapt. Van de Sprang van Lee, naar Java. Kwam op 27.02.1892 terug van de reizen met goed attest.
Behaalde het diploma 3e stuurman grote vaart op 11 mei 1892 te Rotterdam.
Behaalde het diploma 2e stuurman grote stoomvaart in oktober 1895 te Rotterdam.
Behaalde het diploma 1e stuurman grote stoomvaart A in juni 1898 te Amsterdam.
De schepen van de kapitein
* 1908 – van het s.s. VLIELAND – geb. 1900 – St. Mij. Triton
* 1912 – van het s.s. MENADO – geb. 1908
* 1913 – van het s.s. DELI – geb. 1912
* 1915 – van het s.s. PALEMBANG – geb. 1911
* 1915 – van het s.s. OPHIR – geb. 1904
* 1920 – van het s.s. SINDORO – geb. 1900
* 1920 – van het s.s. TABANAN – geb. in 1908
* 1922 – van het s.s. TAMBORA – geb. 1910
* 1924 – van het s.s. TABANAN – geb. 1908
* 1924 – van het s.s. TJERIMAI – geb. 1920
* 1925 – van het s.s. INSULINDE – geb. 1914
* 1927 – 1929 van het s.s. PATRIA – geb. in 1919
Overige bijzonderheden
Gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd.
Kapitein Meerburg ging op 22 juni 1929 met pensioen na 40-jarige diensttijd.
Was Lt. ter Zee 1e Klasse van de Marine Reserve.
AH 14-05-1925
Meteorologische Journalen.
Als bewijs van waardering voor het bijhouden en inzenden van meteorologische journalen ten dienste van het Kon. Ned. Meteorologisch Instituut zijn bij Kon. Besluit de volgende onderscheidingen toegekend:
De gouden medaille aan de gezagvoerders: J. M. Meerburg (Rott. Lloyd); C. de Korver (Hol. Amerika-Lijn); E. H. Kroes (Java-China-Japan-Lijn); de zilveren medaille aan de gezagvoerders: H. F. Soomer; M. F. Mörzer Bruyns; W. A. Beijer; C. E. Plugge (allen Nederland); R, Borst; J. J. Bulsing; A. Vertregt (allen Rott. Lloyd); A. Dekema; G. C. Herbschleb (beiden Holland-Amerika Lijn); W. van Eyken (Holland-Zuid-Afrika-Lijn).
Verslag van afscheid kapitein Meerburg in De Locomotief van 23.07.1929
De Telegraaf 09-01-1933
Loopbaan van kapitein Meerburg. Een ervaren zeeman.
DOORN, 9 Jan. — Zoals gemeld is, de heer J. Meerburg, oud-gezagvoerder bij de Rotterdamsche Lloyd overleden. Na een hoogst gelukkige 39-jarlge zeemanscarrière, waarbij hij steeds de aan zijn zorgen toevertrouwde schepen behouden thuisbracht, is de kranige zeeman op 22 Juni 1929 van zijn laatste rei» naar Indië teruggekomen om te Doorn in zijn villa „Vertuid” van een welverdiende rust te genieten, die helaas slechte korten tijd geduurd heeft. Kapitein Meerburg was onder een gelukkig gesternte geboren. Zijn gehele leven heeft hij in dienst van de firma Ruys gevaren, waarvan 21 jaar als kapitein, en hij kon er zich op beroemen nimmer een schip te hebben verspeeld of schade te hebben gevaren. Eenmaal slechts is het er bijna van gekomen. Dat was in 1908 met zijn eerste schip, de „Vlieland”. Het schip kwam van Noorwegen en moest naar IJmuiden. Maar bij Terschelling was het ontzettend weer. Het had niet veel gescheeld of het schip was vergaan, want de schroef had drie van de vier bladen verloren. Tot overmaat van ramp begonnen de kolen op te raken. „Kapitein, wij vergaan,” riep zijn eerste-stuurman. Maar kapitein Meerburgantwoordde karakteristiek:
„Niet zo hard: je moet maar denken: we zijn er zelf bij en zolang wij de kop nog boven water houden is er niets verloren.” Hij slaagde erin, op eigen kracht te Bremerhaven binnen te lopen. Het was de eerste en laatste maal, dat kapt Meerburg „een beetje narigheid had”, zoals hij het uitdrukte.
Kapitein Meerburg is te Amsterdam geboren. Als Jongen ging hij naar de Kweekschool aldaar en vandaar kwam hij in 1890 op de BATAVIA van de Rotterdamsche Lloyd. Twee jaar heeft hij als jongen voor de mast gevaren. Toen deed hij zijn examen voor derde stuurman en kwam in 1892 op de GEDEH onder kapitein Siekemeijer. Verder heeft hij regelmatig promotie gemaakt. Zijn eerste schip als kapitein was de VLIELAND van de Mij. „Triton” en in 1915 kreeg hij zijn eerste mailschip, de OPHIR; in 1918 bevond hij zich daarmee in Honolulu toen het door de Amerikanen in beslag werd genomen. Na de oorlog kreeg hij de SINDORO, het schip, dat. Na als ambulance te hebben dienstgedaan, weer in de passagiersvaart kwam. Daarna heeft hij nog op verscheidene schepen van de Rotterdamsche Lloyd gevaren, op de TABANAN, de TAMBORA, waarmee hij o.a. een tocht gemaakt heeft naar de tentoonstelling te Gothenburg in 1923, de INSULINDE, de TJERIMAI en het laatste op de PATRIA. De grote verdiensten van deze bekwame en ervaren zeeman zijn erkend door de toekenning van de gouden en zilveren medailles van het Kon. Met. Instituut, want het waren de door kapitein Meerburg overgelegde meteorologische journalen, die buitengewone diensten hebben bewezen aan de zeevaartwetenschap. Kapitein Meerburg was een joviaal en opgewekt mens, die bij zijn passagiers zeer gezien was hetgeen hem ook bij zijn afscheid van de Lloyd op 22 Juni 1929 gebleken is. De begrafenis van het stoffelijk overschot is bepaald op a.s. Dinsdag op de begraafplaats te Doorn.