Jacob Jonker werd geboren te Nieuwe Pekela op 31 mei 1825 als zoon van de ontvanger Hindrik Wijbes Jonker en Zwaanrje Jacobs de Wijk.
Jacob trouwde op 09 februari 1853 te Nieuwe Pekela als koopvaardijkapitein met Johanna Polter, geboren te Nieuwe Pekela op 15 december 1832 als dochter van de landgebruiker Jurjen Jannes Polter en Johanna Margaretha Cappenberg. Johanna overleed op 14 juni 1875 te Nieuwe Pekela, 42 jaar.
Geen overlijdensgegevens gevonden van Jacob Jonker maar nog levend bij het overlijden van zijn vrouw in 1875.
Burgerlijke Stand akten in de provincie Groningen vermelden Jacob Jonker als koopvaardijkapitein/schipper in 1853, 1854, 1856, 1858, 1863, 1875.
Lidmaatschap van zeemanscollege(s)
J.H.Jonker was effectief lid van het zeemanscollege “Voorzorg” te Nieuwe Pekela met vlagnummer 135 in de periode 1853 t/m 1877.
J.H.Jonker was effectief lid van het Veendammer zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart”met vlagnummr K resp. 9 in de period 1827 t/m 1857.
Schepen van de kapiteini
Bouma025 vermeldt J.H.Jonker als gezagvoerder gedurende:
* 1831 t/m 1845 van de kof “Geziena Harmina”, gebouwd in 1830 te Veendam, 150 ton o.m., geen vermelding van thuishaven en eigenaar;kan niet zijn bevaren door Jacob Hindrikz vanwege jaartallen
* 1850 t/m 1853 van de 2-mastschoener “Salland”, gebouwd in 1850 te Zwolle, 170 ton o.m., varend voor Doyer & Kalff te Zwolle;
* 1851 t/m 1855 van de kof “Thea” ex Waakzaamheid, gebouwd in 1807 te Pekela, 121 ton o.m., varend voor L.E.Tiktak te Pekela;
* 1857 t/m 1865 op de kof “Themis” ex Hendrika, gebouwd in 1851 te Veendam, 101 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam;
* 1866 van de brik “Pekela” ex Joan Jacob, gebouwd in 1854 te Groningen, 202 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela;
* 1867 t/m 1868 van hetzelfde schip maar nu varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten. Het schip is in 1868 gestrand en wrak geraakt;
* 1869 t/m 1876 van de schoenerbrik “Nieuw Beerta”, gebouwd in 1866 te Veendam, 220 ton o.m., varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten;
* 1876 t/m 1879 van de brik “Johanna Margaretha (Margrietha)” ex The Brothers, gebouwd in 1863 te Sunderland, 296 ton o.m., varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten.
Bouma vermeldt een reeks schepen onder commando van een J.H.Jonker. Welke kapitein onder de initialen schuil gaat is door mij niet zonder meer te achterhalen. (misschien wel via het werk van Marhisdata)
Vanwege de opmerking in de monsterrollenlijst van Groningen (zie hierna) zijn in ieder geval de schoenerbrik “Nieuwe Beerta” en de brik “Johanna Margaretha” door Jacob Hindriks bevaren
In de Almanak voor Zeevarenden 1852, vermoedelijk uitgegeven door het college “Eendracht” te Groningen en aanwezig in het Veenkoloniaal Museum te Veendam staat in de ledenlijst van het Veendammer zeemanscollege kapitein J.H.Jonker met vlagnummer K als gezagvoerder van de “Salland”.
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt:
07 februari 1840, kof “Houthandel”, kapitein H.D. de Groot, matroos Jacob H. Jonker, 14 jaar uit Nieuwe Pekela.
06 februari 1871, schoener “Nieuw Beerta”, kapitein Jacob Hindriks Jonker, 45 jaar uit Nieuwe Pekela.
18 februari 1876, brik :Johanna Margretha”, kapitein J.H.Jonker, 50 jaar uit Nieuwe Pekela.
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
J.H.Jonker was met vlagnummer R401 in de periode 1854 t/m 1876 lid van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart058.
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
In de notulen van de Algemene Vergadering van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop dd 03 februari 1852 wordt aandacht geschonken aan het verongelukken van het schip “Sallandt”, waarbij drie zeelieden zijn omgekomen. Er wordt een bus geplaatst om giften in te zamelen voor de nabestaanden.
Uit Bouma025 blijkt, dat er maar 1 schip met de naam “Salland” is geregistreerd, dat van 1850 t/m 1853 (dus in 1851/52) onder gezag stond van kapitein H.J.Jonker, dus ik heb voormelde mededeling op deze plek gememoreerd. In de notulen dd 17 februari 1852 staat vermeld dat er in total f 14,23 is opgehaald.023
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat kapitein J.H.Jonker met vlagnummer R401 als gezagvoerder in de ledenlijsten van058:
* 1855 van de kof “Thea” 64 last voor L.E.Tiktak te Pekel-A
* 1858, 1859, 1862 t/m 1864 van de galj. “Themis” 53 last als kapitein/eigenaar vanuit Veendam
* 1865 van de brik “Pekela” 107 last kapitein/eigenaar vanuit Pekela
* 1866, 1867 van de brik “Pekela” 107 last voor D.Muller & Zoon te Winschoten
* 1874 van de sch.br.”Nieuw Beerta” 116 last voor D.Muller & Zoon te Winschoten
Bouma025 vermeldt J.H.Jonker als gezagvoerder gedurende:
* 1831 t/m 1845 van de kof “Geziena Harmina”, gebouwd in 1830 te Veendam, 150 ton o.m., geen vermelding van thuishaven en eigenaar;
* 1850 t/m 1853 van de 2-mastschoener “Salland”, gebouwd in 1850 te Zwolle, 170 ton o.m., varend voor Doyer & Kalff te Zwolle;
* 1851 t/m 1855 van de kof “Thea” ex Waakzaamheid, gebouwd in 1807 te Pekela, 121 ton o.m., varend voor L.E.Tiktak te Pekela;
* 1857 t/m 1865 op de kof “Themis” ex Hendrika, gebouwd in 1851 te Veendam, 101 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam;
* 1866 van de brik “Pekela” ex Joan Jacob, gebouwd in 1854 te Groningen, 202 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela;
* 1867 t/m 1868 van hetzelfde schip maar nu varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten. Het schip is in 1868 gestrand en wrak geraakt;
* 1869 t/m 1876 van de schoenerbrik “Nieuw Beerta”, gebouwd in 1866 te Veendam, 220 ton o.m., varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten;
* 1876 t/m 1879 van de brik “Johanna Margaretha (Margrietha)” ex The Brothers, gebouwd in 1863 te Sunderland, 296 ton o.m., varend voor D.Mulder & Zn te Winschoten.
POZC (krant?) 23 maart 1849 Voor rekening van (volgen 21 namen) … zal een schoenerschip worden gebouwd en uitgerust, tot wat einde gisteren avond, op de bovenzaal der harmonie, de notariele akte van de Reedderij is gepasseerd. Dit schip dat de naam zal dragen van Salland, en ongeveer 115 lasten meten, is de derde schoener, die op de werf van Goor alhier wordt gebouwd, en wordt klaar gemaakt. Het is bestemd voor de buitenlandsche vaart, zal gevoerd worden door kapt. J.H.Jonker, en is nu de firma Doijer & Kalff tot boekhouders der Reederij benoemd.
Ontleend aan “ZEEVAART ZWOLLE e.o.. Chronologieperiode 1731-1880”, door G. van Heel
Typoscript 158 pp (p.44)
In de bibliotheek van de Stichting Nederlandse Kaaphoornvaarders te Hoorn, Nr 546.
30 Aug. 1848. Jan Hendrik Jonker, koopvaardijkapitein , wonende te Zwolle, heeft verkocht in vollen en waren eigendom aan Klaas Geerts de Vries, mede van beroep koopvaardijkapitein, wonende te Veendam, de helft of 2/30 portiën in et kofschip Gezina Harmina “met geheel deszelfs optuig en inventarris als zeilen, rondhout, staan den loopend want, ankers kettingen”. Verkocht aan volgen13 namen
Dit schip werd herdoopt in “Vrouw Alida”. Kapt. Visser was afkomstig uit Veendam.
Ontleend aan “ZEEVAART ZWOLLE e.o.. Chronologieperiode 1731-1880”, door G. van Heel
Typoscript 158 pp (p.47)
In de bibliotheek van de Stichting Nederlandse Kaaphoornvaarders te Hoorn, Nr 546.
Overige bijzonderheden
J.H.Jonker maakte in 1858 met de Themis een reis van Riga naar Schiedam met een lading rogge005
Melding uit een extract van het journaal van de kof “Themis”, kapitein J.H.Jonker, op een reis van Riga naar Schiedam van het verdrinken van de stuurman D.H. de Grooth op 08 oktober 1858 ongeveer 2½ mijl.ten O.Z.O. van Falsterboe.115.
De schoenerbrik “Nieuwe Beerta” onder kapitein J.H.Jonker vertrok van Montevideo met fruit op 18 december 1869 en arriveerde, via Kaap Hoorn, op 25 februari 1870 te Valparaiso. Een latere meldong zonder datum is van Amapala in Honduras.121
Familiegegevens en opleiding
Harm werd geboren op 30 juli 1827 te Oude Pekela als zoon van de schipper Jan Luitjes Jonker en Siberdina Harms Bok
Harm trouwde op 08 juni 1854 te Nieuwe Pekel als buitenvaarder met Annechien van Wijk, geborenop 15 oktober 1833 te Nieuwe Pekela als dochter van de schipper Jan Hindriks van Wijk en Geertje Klaassens de Wijk. Annechien overleed op 12 oktober 1903 te Almelo, 70 jaar, weduwe
Harm Jans overleed 01 december 1870 te Oude Pekela, schipper, 43 jaar.
In de Burgerlijke Stand gegevens van de provincie Groningen wordt Harm Jonker vermeld als buitenvaarder in 1854, als schipper in 1855, 1858, 1860, 1862, 1864, 1866, 1869, 1870.
Lidmaatschap van zeemanscollege(s)
H.J.Jonker was effectief lid van het zeemanscollege “Voorzorg” uit Nieuwe Pekela met vlagnummer 20 in de periode 1858 t/m 1870.
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt H.J.Jonker als gezagvoerder gedurende:
* 1846 t/m 1851 van de kof “Geziena Harmina”, gebouwd in 1830 te Veendam, 150 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam
* 1856 t/m 1871 van de galjoot “Annechiena”, gebouwd in 1855 te Hoogezand, 131 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela. Het schip voer in 1872 voor B.J.Scherpbier te Pekela en was herdoopt in “Reint Pieter”;
* 1880 van de brik “Johanna Margaretha (Margrietha)” ex The Brothers, gebouwd in 1863 te Sunderland, 296 ton o.m., varend voor W.Sijpkens te Oostwold;
* 1881 van hetzelfde schip maar nu varend voor J.J.Koerts & Zn te Pekela.
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt:
12 februari 1853, schip “Albertina”, kapitein Harm K. Potjewijd, stuurman Harm J.Jonker, uit Nieuwe Pekela.
18 juni 1855, schoener “Annegine”, kapitein Harm Jans Jonker, 27 jaar uit Nieuwe Pekela.
Overige bijzonderheden
De Raad voor Tucht bij de koopvaardij deed een uitspraak op 25 juli 1874 inzake een klacht tegen kapitein Harmen Jansz Jonker, gezagvoerder/eigenaar van de galjoot “Annechiena”. Er zijn geen details van deze uitspraak vermeld. 104*
Familiegegevens en opleiding
Rombartus Klazes Verbeek werd geboren te Lemsterland (Lemmer) op 09 augustus 1834 als zoon van Klaas Jans Verbeek en Baukje Rombartus la Haize.
Hij trouwde op 28 maart 1858 te Lemsterland als stuurman met Meintje Alberts Meijboom, geboren te Lemsterland (Lemmer) op 25 juli 1836 als dochter van Albert Harmens Meijboom en Geertje Poppes de Ruiter. In de Bijlagen van de Huwelijksakte bevindt zich een document van de Nationale Militie, waarin Verbeek wordt aangeduid als “buitenvaarder”.
Op 31 juli 1890 trouwde een dochter Geertruida Verbeek, geboren te Lemsterland, te Kampen met Nicolaas van Sassenberg.. Tijdens dat huwelijk was vader Rombartus overleden en moeder Meintje woonde te Amsterdam.
Meintje Meijboom overleed te Amsterdam op 24 augustus 1900, namiddags 10 uur in de van der Duijnstraat 14 als weduwe van Rombartus Verbeek.
Rombartus Verbeek overleed op 31 januari 1888 te Kampen ’s morgens om 9 uur in de Nieuwstraat, wijk 2 nummer 224. In de overlijdensakte is zijn voornaam gespeld als Rombertus. Als zijn ouders zijn opgegeven Klaas Verbeek en Boukje Louwesse.
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
- Verbeek is met vlagnummer 36 in de periode 1869 t/m 1886 lid van het Schiermonnikoger zeemanscollege “De Herkenning”.
Hij was met vlagnummer 36 in de periode 1877 t/m 1887 lid van het Helderse college “Goed Bedoeling
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt R.Verbeek als gezagvoerder gedurende:
* 1870 t/m 1880 van de bark “Aleida & Maria” ex Kijkduin, gebouwd in 1854 bij W.& A.H.Meursing te Nieuwendam, 363 ton, varend voor van Veen & v/d Meulen te Nieuwediep. 12 november 1880: “Bij Lemvig gestrand en wrak.” (Sweys)
* 1882 van de brik “Johanna Margaretha (Margrietha)” ex The Brothers, gebouwd in 1863 bij Denfood te Sunderland, 296 ton, varend als kapitein/eigenaar vanuit Lemmer;
* 1883 van hetzelfde schip maar nu varend voor S.Spanneburg te Lemmer en herdoopt in “Krasnapolski”;
* 1883 t/m 1886 van de brik “Krasnapolski” ex Johanna Margaretha, ex The Brothers, gebouwd in 1863 bij Denfood in Sunderland, 296 ton, varend voor S.Spannenburg te Lemmer. Het schip werd in 1886 gesloopt “ (Sweys)
Overige bijzonderheden
Geen
|