1814
RC 210514
Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading: Naar Hamburg en Altona, (buiten om) het tjalkschip DE VROUW ALIDA, kapt. Jan Dooyes Smit.
RC 020614
De 31ste mei uit de Maas gezeild J.D. Smit naar Hamburg.
AC 151214
De 7e zijn te Gravesend gearriveerd de schepen DE VROUW ALIDA, kapt. Smith (opm: tjalk, kapt. Jan Doijes Smit), en DE VRIENDSCHAP, kapt. Leendert Spaanderman, beide van Amsterdam.
OHC 061214
Texel, 1 december. Uitgezeild J.D. Smit naar Londen.
1815
OHC 060515
Terschelling, 30 april. Binnengekomen J.D. Smit van Hamburg.
OHC 080715
Terschelling, 2 juli. Aangekomen J.D. Smit van Hamburg.
1816
OHC 180416
Arrivementen: Te Brielle J.D. Smit van Hamburg.
LCO 010716
Arrivementen: Te Bergen J.D. Smit van Dordrecht.
1817
RC 060317
Arrivementen: Te Rendsburg J.D. Smit van Kiel naar Antwerpen.
LCO 270617
Terschelling, (geen Datum). Aangekomen J.D. Smit van Riga.
RC 190717
Arrivementen: Te Rendsburg J.D. Smit van Groningen.
OHC 020917
Terschelling, 26 augustus. Binnengekomen J.D. Smit van Stettin.
1818
LC 150518
Harlingen. De 12 dito, binnen gekomen het tjalkschip de VROUW ALIDA, kapt. J.D. Smit, met ballast van Londen.
LC 190518
Harlingen, 19 mei. Den 14 dezer is van hier uitgezeild het tjalkschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Doijes Smit, met ballast op avontuur over de Wadden naar Groningen.
LCO 170718
Arrivementen: Te Rendsburg J.D. Smit van Stettin naar Holland.
RC 080918
Amsterdam, 6 september. Sedert onze laatste bij Texel binnengekomen J.D. Smit van Londen.
1819
RC 270519
Amsterdam, 25 mei. Sedert onze laatste van Texel uitgezeild J.D. Smit naar Rotterdam.
OHC 051019
Terschelling, 28 september. Binnengekomen (tjalk) J.D. Smit als bijlegger wegens contraire wind en slecht weer.
1820
RC 010420
Den 29, des morgens, zeilden uit de Maas de schepen de IONGE CORNELIS, C. Wapenaar, de VROUW ALIJDA, J. D. Smith, naar Hamburg
LCO 140420
Arrivementen: Te Hamburg J.D. Smit van Rotterdam.
RC 110520
Arrivementen: Te Rendsburg J.D. Smit van Hamburg naar Rostock.
LCO 140820
Terschelling, (geen datum). Binnengekomen J.D. Smit van Rostock naar Rouen, als bijlegger, wegens tegenwind.
RC 240820
Terschelling. Uitgezeild J.D. Smit van Rostock naar Rouen.
RC 141120
Den Briel, 11 november. Binnengekomen de VROUW ALIJDA, J.D. Smith, van Rouaan, naar Koppenhagen, als bijlegger, door contrarie-wind, lekkagie en schade.
1821
Op 02-04-1821 wordt voor de VROUW ALIDA door kapt./ eigenaar J.D. Smit een nieuwe zeebrief aangevraagd.
Tot de executie verkoop (1824) verschijnen geen vaarberichten in de kranten.
1824
RC 290424
Verkoping bij excecutiet, van een tjalkschip, genaamd de VROUW ALIDA, lang over stevens 20 ellen, 5 palmen, breed binnenwerks 4 ellen, 6 duimen, diep in het hol onder de bedelling 2 ellen, 1 palm, 5 duimen, thans liggende in de Binnenhaven, op het Maarland, te Brielle, groot 25 lasten van 2 zeetonnen, hebbende twee masten, thans gestreken liggende, met deszelfs toebehoren, volgens daarvan zijnde inventaris; toebehorende aan Jan Doijes Smit, kapitein van genoemd tjalkschip, en ten zijnen lasten gearresteerd bij proces-verbaal van de deurwaarder Jan de Jongh, in dato 9 maart 1824 geregistreerd, ten verzoeke van Hendrik Slolk, scheepmaker, wonende te Brielle, deszelfs beroep geexerceerd hebbende in compagnie met Klaas Waterman, welke behoorlijk is gepatenteerd geweest (voor wien domicilie gekozen is ten kantore van Mr. Nicolaas Joannes Cornelis Lette, procureur, wonende te Brielle, in wijk 2, n.° 86, die voor hem is occuperende) uit krachte van een behoorlijk gezegeld, geregisstreerd en gesigneerd vonnis, gewezen door de Rechtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Brielle, als waarnemende de zaken van de Rechtbank van Koophandel aldaar, de 21 november 1823 geregistreerd, waarbij gemelde Jan Doijes Smit is gecondemneerd, om aan genoemde Hendrik Stolk te betalen de som van ƒ 282, montant der condemnatie tegen hem Jan Doijes Smit, bij voormeld vonnis uitgesproken, onverminderd de kosten. De executant heeft het voorschreve schip ingezet op vijf-en-twintig guldens. De eerde opbieding zal plaats hebben op woensdag de 5 mei 1824; de tweede op woensdag de 12de derzelve maand; de derde of laatste op woensdag de 19 dito, respectivelijk des voormiddags te elf uren, ter vergaderzaal van gemelde Rechtbank, ten overstaan van de Wel Edel Gestrengen heer Mr. Cornelis Preuijt, Rechter van dezelve Rechtbank, als daartoe door dezelve gecommitteerd. De Memorie van Lasten is gedeponeerd ter Griffie van gemelde Rechtbank, en kopij derzelve ligt ter visie ten kantore van voornoemde procureur, bij wien ook nadere informatie te bekomen is. De procureur van de executant, N.J.C. Lette.
RC 140824
Publieke verkoping, om contant geld, op dinsdag de 17 augustits 1824, des voormiddags te tien uren, in 's Rijks Entrepot, in de Boompjes, te Rotterdam , van merlnosse kleedjes, shwals en doeken, tisfu-kleedjes van Lijon, bal- of gala-kleedjes met zilver georneerd, witte en gekleurde zijden, diverse dames- veren en pluimen zo wit als gekleurd, eene necessaire, zijnde een mans toilet met plated ingelegd; rottingen met gouden knoppen en anderen, gouden horologien, voorts dames-werkdoosjes, branches en vergulde koperwerken, scheer- en pennenmessen en verder enige kramerij, zo gezond als beschadigd, behorende tot de lading, afgeladen geweest aan boord van het schip de VROUW ALIDA, gevoerd geweest door kapt. Jan Doijes Smit. Alles des maandags vóór de dag van de verkoop, op de gewone uren, ter plaatste, te zien.
>