Inloggen
Gezagvoerder

Mulder, Gerrit Harmz,

Naam: Mulder, Gerrit Harmz,
Schepen waarop deze gezagvoerder heeft gevaren

Aantal gevonden schepen: 1
Naam Bouwjaar Type Voortstuwing Ship id
GOEDE VERWACHTING 1839 Tjalk Sailing Vessel 14105 Bekijk schip

Overige informatie van deze gezagvoerder:

Familiegegevens en opleiding

Gerrit werd geboren/gedoopt te Veendam op 12 november/03 december 1797 als zoon van schipper Harm Jans Mulder en Elysabeth Sytses Wilkens.

Gerrit trouwde op 04 december 1839 als schipper met schippersdochter Grietje Jans Prins, geboren te Veendam op 29 augustus 1811 als dochter van Jan Roelfs Prins en Jantje Remkes Sap. Grietje overleed op 16 december 1890  in het huis van haar oudste zuster, de wed. Hillechien Kram-Prins, aan het Beneden Oosterdiep te Veendam, 79 jaar, weduwe. Het echtpaar had een aantal zonen en schoonzonen als koopvaardijkapitein en wel Jacob Geerts Kramer, Jan Gerrits Mulder, Jacob Kramer, Harmen Gerrits Mulder, Berent Gerrits en Johan Gerrits Mulder.

Gerrit overleed op 01 maart 1870 te Veendam. 72 jaar, schipper.

 

In Burgerlijke Stand akten uit de provicie Groningen wordt Gerrit vermeld als schipper in 1839, 1840, 1842, 1843, 1844, 1850, 1853, 1857, 1870.

 

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

Gerrit Harms Mulder was effectief lid van het Veendammer zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” met vlagnummer G9 resp. 200 in de periode 1853 t/m 1864.

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

Geen

 

De schepen van de kapitein

Bouma025 vermeldt G.H.Mulder als gezagvoerder gedurende:

*    1839 t/m 1868 van de tjalk “Goede Verwachting”, gebouwd in 1839 te Veendam, 45 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam. Het schip ging in 1868 uit de vaart.

 

De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt:

30 mei 1816, schip “Vr. Niesina”, schipper Hindrik Roelfs Baas, kok Gerrit Harms Mulder.

12 februari 1859, tjalk “Goede Verwchting”, schipper Gerrit Harms Mulder, 60 jaar.

 

Overige bijzonderheden

De navolgende gegevens zijn een verkorte vorm van een uitgebreide beschrijving in “De Schippers Mulder hun schepen en hun stamboom” door G.J.Mulder, uitg.Pirola, mei 2002, 239 pp.

“Hoe en op welk schip Gerrit zijn loopbaan als zeeman begon is niet bekend. Vermoedelijk voer hij al enige jaren met zijn ouders mee (in 1811 stonden Gerrit als diens toen tienjarige broertje Berend reeds bij de burgerlijke stand ingeschreven als zeeman) en ging hij rond zijn dertiende jaar eigen brood verdienen als jonge of kajuitwacht….. Zij eerstbekende schip is de : Vrouw Niesina” … onder schipper Hindrik Roelof Baas .. Als achttinejarige monsterde Gerrit op 30 mei 1816 in Veendam als kok op dit nieuwe schip …

Het is aannemelijk dat Gerrit, samen met zijn broer Berend vanaf juni 1825, na het overlijden van hun moeder zijn doorgevaren met het schip van hun vader Harm Jans Mulder de “Vrouw Elisabeth”, met Gerrit, zijnde de oudste, als schipper.  Vermoedelijk heeft Gerrit met de “Vrouw Elisabeth” tot de winter van 1837-1838 gevaren op binnen- en buitenwateren.

Hij werd op 26 januari 1839 eigenaar van een nieuwe tjalk  de “Goede Verwachting”. Waarschijnlijk vanaf begin 1839 maar in elk geval vanaf 1844 tot in de zestiger jaren voer Gerrit met dit schip op buitenwater, vooral in het gebied van Elbe, Weser en Eems en incidenteel het westen van Nederland. Het schip is vermoedelijk in 1867 uit de vaart genomen. Waarschijnlijk hebben de toen 70-jarige schipper en zijn vrouw het schip als woonschip gebruikt. Gerrit overleed in 1870.

Zijn vrouw werd op 09 maart 1871 eigenares van een nieuwe éénmast koftjalk, de “Margritha”. Kennelijk had het schip een vrij geregelde vaart op Harlingen, waar het tussen 1872 en 1878 tien keer binnenliep. Op 30 september 1877 arriveerde het van Kopenhagen met lijnkoeken in Katerveer bij Zwolle. Als eerste schipper fungeerde de oudste zoon Jan Gerrits (zie aldaar)