ZIE OOK BIJ NIJHOF
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
E.A.Niehof werd met vlagnummer 762 effectief lid van Zeemanshoop per 14 maart 1848 op voorspraak van J.D.Diets. Zijn schip was de “Graaf van Nassau”. Toegevoegd is “overleden”002. Toegevoegd is “Lid voor de Vlag” 002a.
In de Algemene Vergaderingen van het Amsterdamse zeemanscollege “Zeemanshoop” van 07/14 maart 1848 werd als effectief lid voorgedragen/benoemd Ente Aeyke Nienhof, geen leeftijd opgegeven, voerend de bark Graaf van Nassau, wonende op de Waal te Amsterdam, op voordracht van kapitein J.D.Diets. Hij kreeg vlagnummer 762023.
Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)
In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 30 december 1851 staat een verzoek van S.Buisman, de weduwe van kapitein E.A.Niehoff. Deze wordt afgewezen daar de kapitein geen deelnemer was in het Weldadig Zeemans Fonds. Op 29 januari 1852 doet zij wederom een aanvrage , maar ook nu wordt deze afgewezen.042.
In de notulen van de Algemene Vergadering dd 06 januari 1852 wordt een verzoek om een uitkering behandeld van Siebertje Buisman, de weduwe van kapitein E.A.Niehof. Dit verzoek wordt van de hand gewezen “als hebbende wijlen kapt. Niehof geen deel aan het fonds gehad.”. In de vergadering van 10 februari 1852 wordt het verzoek herhaald, maar ook nu wordt er negatief beslist.023.
De schepen van de kapitein
lidmaatschap College Zeemanshoop te Amsterdam001
vlagnummer jaren type scheepsnaam naam reder/boekhouder
762 1848-1849 Graaf van Nassau A.L.van Harpen & Zn
1850 Claudius Civilis idem
Bouma025 vermeldt E.A.Niehof als gezagvoerder gedurende:
* 1829 t/m 1842 op de smak “Jacoba Catharina”, gebouwd in 1810, 62 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Harlingen;
* 1840 t/m 1847 op de schoenerkof “Hoop op Fortuin”, gebouwd in 1840 te Veendam, 90 ton o.m. (volgens Verhoeff dd april 2005 was het tonnage 127), varend voor J.Corver & Co te Amsterdam. Het schip werd in 1847 in beslag genomen vanwege smokkel in N.Shields en is later geveild te Amsterdam. Het werd in 1848 verkocht aan J.G. Beukers te Schiedam en herdoopt in “Adriana”;
* 1849 t/m 1850 op de bark “Graaf van Nassau”, van stapel op 04 mei 1847 van de werf “De Haan”023 te Amsterdam, 700 ton o.m., varend voor A.L.van Harpen & Zn te Amsterdam;
* 1851 op het fregat “Claudius Civilis”, gebouwd in 1836 te Amsterdam, 701 ton o.m., varend voor A.L.van Harpen & Zn te Amsterdam. In 1851 te Batavia overleden.
Vanwege de overlapping rond 1840 en de late toetreding tot Zeemanshoop zou het om twee verschillende personen kunnen gaan.
Overige bijzonderheden
In het dagboek van de Roever072 staat een passage met betrekking tot de “Graaf van Nassau” onder kapitein Niehof en wel:
Op de hoogte van de evenaar op weg naar Batavia.
“ … passeerden den 23ste (mei 1849) de Linie, den 21ste werd aan boord een Kaapsche duif gevangen met een plankje met rood lint om de hals gebonden waarop de eene zijde geschreven stond: Graaf van Nassou met de datum van de vorige dag en deszelfs bestek, waaruit bleek dat dat schip 2 graden zuidelijker stond; naam, datum en bestek werd op de keerzijde van het plankje geschreven en het beest de vrijheid weder gegeven, … “.
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt J.F.Puister als gezagvoerder gedurende:
* 1848 t/m 1849 op de kof “Adriana” ex Hoop op Fortuin, gebouwd in 1840 te Veendam, 120 ton o.m., varend voor J.G.Beukers te Schiedam.
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
J.Stoorvogel werd geboren in 1818 te Maassluis.
Hij overleed op 26 mei 1882 te Maassluis
In een kasboek van het Dordtse zeemanscollege “Tot Nut van Handel en Zeevaart” staat op 15 april 1882 een contributieboeking van kapitein Stoorvogel uit Dordrecht.064b
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
Johannes Stoorvogel wonend in Maassluis was in de periode 16 februari 1849 t/m zijn overlijden op 26 mei 1882 lid van het Dordtse zeemanscollege “Tot Nut van Handel en Zeevaart” met vlagnummer 23.111 en 64a
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
In het kasboek van het Dordtse zeemanscollege “Tot Nut van Handel en Zeevaart” dd 01 april 1849 staat de inboeking van f 15,- als entreegeld van kapitein Stoorvogel.064b
In het kasboek van het Dordtse College dd 18 december 1880 staat een boeking van een uitkering van f 6,- per maand uit te keren voor 3 maanden aan kapitein J.Stoorvogel conform een besluit van het Bestuur dd 17 december 1880.
Dd. 14 maart 1881 wordt aan kapitein Stoorvogel een renteloos voorschot geboekt ad f 70,- voor de aankoop van een snelpers, ingevolge een Bestuursbesluit dd februari 1881.064b
In het kasboek van het Dordtse College dd 13 juli 1882 staat de de boeking van de uitkering aan de weduwe van kapitein L. van Haften van de regelementair toegestane f 200,- minus de f 70,- renteloos voorschot.064b
In het kasboke van het Dordtse college staat in de periode 16 februari 1883 tot maart 1887 een maandelijkse uitkering van f 6,- aan de wed. Stoorvogel.064b
De schepen van de kapitein
In Ledenlijsten de Dortse zeemansalmanak (Stadsarchief Dordrecht, inv. 93, nrs 16-33) staat J.Anokkee als gezagvoerder064a:
* 1850; 1852 t/m 1856 kof “Adriana” boekhouders A. du Bois & Zn te Dordrecht.
* 1857 t/m 1859; bark “Betsij” boekhouders Visser & v.d. Sande te Dordrecht
* 1861 geen vermelding van een schip
* 1874 kof “de Maas” boekhouders P.& J.Hordijk te Dordrecht.
Bouma025 vermeldt J.Stoorvogel als gezagvoerder gedurende:
* 1848 t/m 1855 van de sch.kof “Adriana”, ex Jacobina Barbara, gebouwd in 1829 te Veendam, 115 ton o.m., varend voor F.van Wageningen te Dordrecht;
* 1857 t/m 1860 van de bark “Betsy” ex Anna, gebouwd in 1847 te Dordrecht, 309 ton o.m., varend voor Visser & v/d Sande te Dordrecht. Het schip voer in 1861 voor Harmens & Zn te Harlingen en was herdoopt in “Macassar”;
* 1864 t/m 1867 van de 2/msch “Jenneke Hendrika”, gebouwd in 1855 te Sappemeer, 151 ton o.m., varend voor P.Smits Fz te Dordrecht;
* 1868 t/m 1873 van de schkof “Maas”, gebouwd in 1856 te Pekela, 161 ton o.m., varend voor P.& J.Hordijk te Dordrecht.
Overige bijzonderheden
In augustus is J.Stoorvogel stuurman op de kof “Roeland van Veendam” onder kapitein S.B.Kuiper.
Op 21 november 1849 is hij kapitein op de kof “Adriana (van Dordrecht)”, reder Abraham du Bois te Dordrecht en vertrok naar Belfast.
In 1855 was hij gezagvoerder op de schoener “Jenneke Hendrika”, reder Pieter Smits Fz te Dordrecht en in 1856 op de bark “Betsy”.064
De bark “Betsy” onder kapitein J.Stoorvogel werd gemeld op 02 november 1859 te Valparaiso, dus via Kaap Hoorn. Via Callao, Chincha (guano) bereikte het schip op 16 januari 1860 Greenock en op 14 maart 1860 Brouwershaven, dus wederom na de ronding van Kaap Hoorn.121
Familiegegevens en opleiding
Jan Roelfs Veenhuizen werd geboren op 02 december 1814 te Wildervank als zoon van de brouwer Roelf Blink Veenhuizen en Antje Jans Drent.
Jan Roelfs trouwde op 26 januari 1854 te Wildervank als scheepskapitein met Annegina de Jonge, geboren te Wildervank op 09 september 1826 als dochter van de schipper Remke Jeltes de Jonge en Bouke Simons Bakker.
Geen overlijdensakten gevonden van Jan Roelfs en Annegina.
Uit BS-akten uit de periode 1856 t/m 1861 wordt Jan Roelfs vermeld als “schipper”.
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
J.R.Veenhuizen was effectief lid van het zeemanscollege “De Harmonie” te Wildervank met vlagnummer 63 in de periode 1850 t/m 1864.
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt J.R.Veenhuizen als gezagvoerder gedurende:
* 1852 van de “Adriana”geen bouwgegevens, geen reder vermeld, maar wèl varend vanuit Wildervank. Uit de periode 1853 -1858 zijn geen verdere gegevens bekend.
Bouma vermeldt R.J.Veenhuizen als gezagvoerder gedurende:
* 1856 t/m 1857 van de schoenerkof “Bougiena Lammechiena”, gebouwd in 1854 te Wildervank, 121 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Wildervank;
* 1858 t/m 1859 op hetzelfde schip maar nu varend voor de wed. de Jonge te Wildervank;
* 1860 t/m 1862 op hetzelfde schip maar nu varend voor J.M.Meihuizen te Wildervank. He schip is in 1862 gestrand.
Ik heb in Groningen geen BS-gegevens gevonden van een R.J.Veenhuizen.
In de monsterrollen staat in 1859 Jan Roelfs Veenhuizen als gezagvoerder van de “Bougina Lammechina”, terwijl in de rollen geen R.J.Veenhuizen als gezagvoerder staat vermeld.
Ik concludeer, onder voorbehoud, dat Bouma in zijn opgave van de “Bougina Lammechina” de initialen ten onrechte heeft omgedraaid
Monsterrollen op site van het Noordelijk Scheepvaart Museum te Groningen vermelden Jan Roelfs Veenhuizen.
29 januari 1830, schip “Concordia”, schipper Albert Edzes Pot. Voorts stuurman, kok, matroos, lichtmatroos en de kajuitwachter Jan R.Veenhuizen,
21 februari 1831, schip “Katharina Josephina”, schipper Pieter Jans Muntendam. Voorts kok, koksmaat en de lichtmatroos Jan Roelfs Veenhuizen.
27 februari 1835, schip “Gezina”, kapitein Jan Fredriks de Boer. Voorts stuurman, kok, matroos Jan Roelofs Veenhuizen, 20 jaar, en een kajuitwachter
30januari 1847, kof “Lucas Wicher”, schipper Willem Tjakkes Hazewinkel. Voorts stuurman Jan Roelfs Veenhuizen, kok, matroos en een lichtmatroos.
15 juli 1847, kof “Lucas Wicher”, schipper Willem Tjakkes Hazewinkel. Voorts stuurman Jan Roelfs Veenhuizen, kok en een matroos.
21 februari 1850, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman, kok en een kajuitwachter.
11 januari 1851, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman, kok, matroos en een kajuitwachter.
28 januari 1854, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman, kok, matroos, lichtmatroos en een kajuitwachter.
13 januari 1855, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman, kok, matroos, 2 lichtmattrozen en een kajuitwachter.
03 oktober 1859, galjoot “Bouchina Lammechina”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen, 44 jaar uit Wildervank. Voorts een stuurman en een kajuitwachter.
In 10 monsterrollen op het overzicht van het Noordelijk Scheepvaart Museum te Groningen wordt gesproken van Jan Roelfs Veenhuizen.
Het overzicht luidt:
1830 kajuitwachter op de ”Concordia” onder Albert Edzes Pot geen leeftijd
1831 lichtmatroos op de “Katharina Josephina” onder Pieter J.Muntendam idem
1835 matroos op de “Gezina”, onder Jan Fredriks de Boer 20 jaar
1847 stuurman op de kof “Lucas Wicher onder Willem Tj. Hazewinkel geen leeftijd
1850-1855 schipper op de kof “Adriana” idem
1859 schipper op de galjoot “Bougina Lammechina” 44 jaar
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
Jan Jans Paap werd geboren 30 oktober 1811 te Wildervank als zoon van de schipper Jan Jans Paap en Annegien Hindriks Joosten.
Hij trouwde op 06 december 1843 te Veendam als zeeman met Grietje Everts Zoutman, geboren te Veendam 27 november 1818 als dochter van de schipper Evert Everts Zoutman en Albertje Seijes Kruizinga. Grietje overleed op 04 april 1907 te Groningen, 88 jaar, weduwe.
Jan Jans overleed op 13 augustus 1870 te Woubrugge, 58 jaar.
In BS-akten uit 1844, 1847, 1854 en 1858 wordt Jan Jans vermeld als “zeeman” en in 1851 als “schipper”.
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
J.J.Paap was effectief lid van het zeemanscollege “De Harmonie” te Wildervank met vlagnummer 4 in de periode 1857 t/m 1870.
J.J.Paap was effectief lid van het zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” te Veendam met vlagnummer 189 in de periode 1852 t/m 1871.
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt J.J.Paap als gezagvoerder gedurende:
* 1850 t/m 1852 van de kof “Margaretha”, gebouwd in 1849 te Sappemeer, 65 ton o.m., varend voor R.J.Lukken te Veendam. Het schip is 2 maal te Harlingen geregistreerd komend van Londen en Amsterdam. Het is in 1852 gestrand op Juist, gaande van Danzig naar Amsterdam;
* 1856 t/m 1862 van de kof “Adriana” ex Hoop op Fortuna, gebouwd in 1840 te Veendam, 90 ton o.m., varend voor J.G.Beukers te Schiedam;
* 1863 t/m 1869 op hetzelfde schip maar nu varend voor Jansen & v/d Burg te Schiedam.
Monsterrollen op site van het Noordelijk Scheepvaart Museum te Groningen vermelden Jan Jans Paap op:
06 maart 1841, kof “Gesina”, schipper Antonie Hendriks Bekkering. Voorts stuurman, kok, matroos Jan Jans Paap en een kajuitwachter.
24 februari 1844, kof “Gesina”, schipper Antonie Hendriks Bekkering. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok en een matroos.
22 februari 1845, kof “Gesina”, schipper Antonie Hindriks Bekkering. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok, matroos en een lichtmatroos.
27 januari 1847, kof “Jakoba Hazewinkel”, schipper Jan Germs Boon. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok en een lichtmatroos.
05 februari 1848, kof “Christina”, schipper Eilt Hendriks Bekkering. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok, matroos en een lichtmatroos.
01 augustus 1849, koftjalk “Margretha”, kapitein Jan Jans Paap, 37 jaar. Voorts stuurman, kok en een matroos.
17 januari 1852, kof “Margrieta”, schipper Jan Jans Paap. Voorts stuurman, kok en een lichtmatroos.
28 januari 1854, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok, matroos en een lichtmatroos.
13 januari 1855, kof “Adriana”, schipper Jan Roelfs Veenhuizen. Voorts stuurman Jan Jans Paap, kok, matroos en 2 lichtmatrozen.
In 9 monsterrollen op het overzicht van het Noordelijk Scheepvaart Museum te Groningen wordt gesproken van Jan Jans Paap.
Het overzicht luidt:
1841 matroos op de kof “Gesina” onder Antonie Hendriks Bekkering geen leeftijd
1844-1845 stuurman op de kof “Gesina” onder Antonie Hendriks Bekkering idem
1847 stuurman op de kof “Jakoba Hazewinkel” onder Jan Germs Boon idem
1848 stuurman op de kof “Christina” onder Eilt Hendriks Bekkering idem
1849-1852 schipper op de koftjalk “Margretha” 37-?
1854-1855 stuurman op de kof “Adriana” onder Jan Roelfs Veenhuizen geen leeftijd
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
Lukas werd geboren op 21 september 1829 te Veendam als zoon van de zeeman, later schipper Pieter Paulus Meier en Anje Lucas Heidema.
Lukas trouwde op 18 januari 1860 t Veendam als zeeman met Trijntje Bol, geboren op 02 december 1831 te Veendam als dochter van Harm Egberts Bol en Hendrika Nannes van der Wijk. Trijntje overleed op o5 november 1918 te Veendam, 86 jaar, weduwe.
Lukas is overleden op 16 februari 1874voor de kust van Gabon (2,55 ZBr, 8,45 OL) als gezagvoerder van het Nederlandse Brikschip Kosmolopiet II op 16 februari 1874, vertrokken vanuit Cuxhaven op 30 december 1873 met als bestemming Ambreiz (West-Afrika). Uit: https://www.genealogieonline.nl/stamboom-doornbos/I7164.php
Burgerlijke Stand akten uit de provincie Groningen vermelden Lukas als zeeman in 1860, 1863, 1867, als schipper in 1870,
Lidmaatschap van zeemanscollege(s)
L.P.Meijer was effectief lid van het Veendammer zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” met vlagnummer A6 resp. 122 in de periode 1877 t/m 1880. (eindjaar klopt niet met het jaar van overlijden)
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt L.P.Meyer als gezagvoerder gedurende:
* 1870 van de kof “Adriana” ex Hoop op Fortuna, gebouwd in 1840 te Veendam, 90 ton o.m., varend voor Jansen & v/d/ Burg te Schiedam. Het schip is in 1870 gezonken;
* 1872 op de bark “Protheus”, gebouwd in 1838 te Schiedam, 343 ton o.m., varend voor de Groot Roelants & Co te Schiedam. Het schip is in 1872 gezonken;
* 1873 van de brik “Kosmopoliet II” ex Johanna Margaretha, ex Minerva, gebouwd in 1855 te Nth.Shields, 247 ton o.m., varend voor T.C.Melchers te Schiedam;
* 1874 van hetzelfde schip maar nu varend voor S.J.Melchers te Schiedam.
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmueseum te Groningen vermeldt
01 februari 1847, kof “Gezina”, schipper Philippus Klaassens de Boer, lichtmatroos Lukas Pieters Meijer.
12 oktober 1849, kof “Engelina”, schipper Jan Wichers Ketelaar, matroos Lukas P. Meijer, 20 jaar uit Veendam.
15 juli 1850, koftjalk “Wobbina Catriena”, schipper Pieter Paulus Meijer, stuurman Lukas Pieters meijer, 20 jaar uit Veendam.
Overige bijzonderheden
De Harlinger Courant dd 30 oktober 1874 bevat in de rubriek Scheepstijdingen het volgende bericht.096:
“Schiedam 26 Oct. Het Nederl. schip Kosmopoliet II, is alhier onder reparatie liggende omgevallen en vol water geloopen.”
NRC 06 januari 1872114
Amsterdam, 4 januari. Het schip PROTEUS, kapt. Meijer, van Dantzig naar Hartlepool, te Dantzig uit zee terug - vroeger gemeld - is de 29e december nagezien en zou de deklast en een gedeelte van de lading lossen om boven water gerepareerd te worden. Ongeveer 30 spoorleggers waren over boord geworpen.
NRC 30 maart 1872114
Elseneur, 27 maart. Het Nederlandse schip PROTEUS, kapt. Meijer, van Hartlepool naar Stettin, ligt 2 mijlen ten noorden van hier wegens tegenwind geankerd; aan boord is alles wel
NRC 02 augsutsu 1872114
Frederikshavn, 31 juli. Het Nederlandse schip PROTEUS, kapt. Meijer, van Liverpool met zout naar Stettin, is bij Stirtzholtz (opm: pl.m 4 mijl ten oosten van Hirtshals, positie 57º36’ NB 10º06’ OL) gezonken. Het volk is gered.
NRC 18 augustus 1872 114
Hjørring, 12 augustus. Enige kustbewoners hebben in de richting tussen de vissersdorpjes Asdal en Oggerby een schip gevonden, staande in 12 vadem water, 2½ mijl van land (opm: pl.m. 4 mijl ten oosten van Hirtshals; positie 57º36’ NB 10º06’ OL), vermoedelijk de PROTEUS, kapt. L. P. Meijer, van Liverpool naar Riga. De kustbewoners hebben terstond iets van het tuig geborgen, en bij de overheid verlof aangevraagd om nog meer te bergen, ’t welk intussen zeer moeilijk zal vallen, tenzij men een duiker daartoe bezigt.
|