Inloggen
WEGRO - ID 7213

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1938
Classification Register: British Corporation Register of Shipping and Aircraft (BC)
IMO nummer: 5008784
Nat. Official Number: 1873 Z GRON 1938
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo
Type Dek: Flush deck
Masten: One mast
Rig: 2 derricks
Lift Capacity: 2 ton each
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Gebr. van Diepen, Waterhuizen, Groningen, Netherlands
Werfnummer: 836
Launch Date: 1938-10-05
Delivery Date: 1938-11-10
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Appingedammer Bronsmotorenfabriek, Appingedam, Groningen, Netherlands
Motor Type: Motor, Oil, 2-stroke single-acting
Number of Cylinders: 4
Power: 195
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Brons Nr. 5731 Type T (240x360)
Speed in knots: 9.50
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 281.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 124.00 Net tonnage
Deadweight: 310.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 17000 Cubic Feet
Bale: 16000 Cubic Feet
 
Length 1: 40.40 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 38.26 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 7.04 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.68 Meters Depth, moulded
Draught: 2.64 Meters Draught, maximum
Configuration Changes

Datum 00-11-1964
Type: Propulsion/engine changed
Omschrijving: Nieuwe hoofdmotor: 2tew 3 cil 195 PK Brons Nr. 14339 Type GB (220x380) 9,5 Kn.

Ship History Data

Date/Name Ship 1938-11-10 WEGRO
Manager: E. Wagenborg's Scheepvaart- & Expeditiebedrijf N.V., Delfzijl, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Juko Wester Jzn., Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PINO

Date/Name Ship 1939-00-00 WEGRO
Manager: Carebeka N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Juko Wester Jzn., Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PINO

Date/Name Ship 1954-11-11 ALBION
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf 'Gruno', Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Eigenaar: Kustvaartrederij Motorschip 'Albion', Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder: Jan Damminga (kapitein), Klaas Kamp, Warnder Jacob Kramer, Kornelis Ploegman (machinist)
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PCGR

Date/Name Ship 1955-04-29 ALBION
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf 'Gruno', Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Willem Nooitgedagt, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PCGR

Date/Name Ship 1956-03-23 ALBION
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf Gruno, Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Pieter Hilgenga & Bouke Gerrit van der Gaast, Harlingen, Friesland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Harlingen / Netherlands
Callsign: PCGR

Date/Name Ship 1972-00-00 ALBION
Manager: London & Rochester Trading Company Ltd., London, Great Britain
Eigenaar: London & Rochester Trading Company Ltd., London, Great Britain
Shareholder:
Homeport / Flag: London / Great Britain

Ship Events Data

1938-10-06: NvhN 06-10-1938: Waterhuizen. Van de scheepswerven Gebr. Van Diepen N. V., alhier, is met goed gevolg te water gelaten het m.s. WEGRO in aanbouw voor kapitein J. Wester te Groningen. Het schip heeft de afmetingen 37.00 X 7.00 X 2.85 M. en wordt uitgerust met een 195 p.k. Appingedammer Brons motor. De kiel wordt gelegd voor een Shelterdek motorschip voor rekening van kapitein F. Dekker te Rotterdam.
1938-11-05: Op 05-11-1938 (voor de proefvaart) kreeg de WEGRO de eer om tijdens de officiele opening van de Oostersluis in Groninen, in het bijzijn van H.M. Koningin Wilhelmina, als eerste schip geschut te worden.
1938-11-07: Op 07-11-1938 als WEGRO, zijnde een motorvrachtschip, groot 797.18 m3 bruto inhoud volgens meetbrief 's Gravenhage d.d. 24-10-1938 no. 5810, liggende te Groningen, door J.L. Kleijn, scheepsmeter te Groningen, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 1873 Z GRON 1938 op het achterschip op verhoogd achterdek aan bakboordzijde in achterkant kombuis.
1938-11-11: De Eemsbode: 11.11.1938: Het motorschip 'Wegro', kapitein-eigenaar J. Westers, heeft gisteren een geslaagde proeftocht op de Eems gehouden. De 'Wegro' is bij de firma Gebr. Van Diepen te Waterhuizen gebouwd onder Scheepvaart-Inspectie en Bureau Veritas, is ca. 310 ton d.w. en voorzien van een 195 PK Bronsmotor. Op de proeftocht werd een snelheid van bijna 10 mijl behaald. De 'Wegro' zal, waarschijnlijk hedennacht, ledig naar Bremen vertrekken.
1938-11-11: NvhN 11-11-1938: Delfzijl- Op de Eems vond de goed geslaagde proefvaart plaats van net nieuwe m.s. WEGRO, gebouwd op de werf van de Gebr. van Diepen te Waterhuizen voor rekening van kapt. J Westers te Groningen. Het schip is van het gladdektype en heeft de stalen mast midscheeps op een dekhuis, waarop tevens een tweetal motorlieren geplaatst zijn. Het heeft afmetingen van 37 X 7 X 2.85 M„ terwijl het d.w. 330 ton bedraagt Voor de voortstuwing is in de motorkamer een Brons motor geplaatst van 195 p.k., waarmede het schip in ballasttoestand een snelheid van ruim 10 mijl behaalde. Verder staat in de motorkamer nog een hulpmotor voor het aandrijven van de pompen en de dynamo. De geheele verlichting is electrisch. Het schip is keurig betimmerd en het is verder zeer modern en gerieflijk ingericht, zoodat het na de proefvaart met volle tevredenheid door den kapitein werd overgenomen.
1940-05-10: Te St. Malo met een lading kolen. Die dag uitgeweken naar Great Yarmouth. 16 mei 1940 overgenomen door de Netherlands Shipping & Trading Committee, Londen (managers Freight Express Ltd, later London & Rochester Trading Co. Ltd). 27 Mei 1940 in timecharter bij Ministry of Shipping, Londen, Engeland, 1941 Ministry of War Transport. Nam deel aan de operatie 'Neptune' (Invasie van Normandië). 1 Juni 1945 terug aan J. Wester, Groningen.
1954-11-19: NvhN 19-11-1954: WEGRO wordt ALBION. Het m.s. Wegro van de heer J. Westers te Groningen is verkocht aan de heren Damminga en Ploegman te Groningen, die het schip onder de nieuwe naam Albion in de vaart zullen brengen. Het schip werd in 1938 gebouwd bij de N.V. Gebr. Van Diepens Scheepswerven te Waterhuizen en behoort tot het gladdektype. In de machinekamer staat een 195 p.k. motor opgesteld. De thuishaven blijft Groningen.
1956-03-26: NvhN 26-03-1956: Kustvaarder ALBION verkocht. Door de heren P. Hilgenga en B. v. d. Gaast te Harlingen is van het Scheepvaartbedrijf Gruno te Groningen aangekocht het 325 ton metende m.s. Albion. Het vaartuig, dat tot de klasse Lloyds Register behoort, werd in 1938 gebouwd bij Gebr. van Diepen te Waterhuizen en wordt voortgestuwd door een 200 pk. motor. De naam van het schip blijft ongewijzigd, de thuishaven wordt Harlingen. De heer Hilgenga, tot dusver gezagvoerder van de Deo Favente, zal zelf het commando voeren.
26-03-1956 Leeuwarder courant: Weer nieuwe rederij in Harlingen. Dat de belangstelling voor de kustvaart in het algemeen groeiende is, is de laatste tijd duidelijk gebleken. De rederij Frisia heeft twee coasters in de vaart (Frisia en Jenjo), en de heer Van der Molen één, welke kustvaarder Mars heet. Thans hebben de heren P. Hilgenga en B. van der Gaast te Harlingen van het scheepvaartbedrijf Gruno te Groningen de kustvaarder ALBION (Wegro), die 325 d.w. meet, aangekocht. De Albion werd in 1938 gebouwd bij de scheepswerf van de gebroeders Van Diepen te Waterhuizen. De naam van het schip blijft ditmaal ongewijzigd, de thuishaven wordt echter Harlingen. Momenteel ligt de Albion, die onder commando van kapitein P. Hilgenga zal staan in Rotterdam en zal daar worden bevracht naar Engeland. In mei wordt het schip met een lading hout te Harlingen verwacht. Binnen afzienbare tijd zal bij een scheepswerf te Leer (Duitsland) het casco te water worden gelaten van de door de gebroeders Van der Schoot te Harlingen bestelde kustvaardei Deze zal nog dit jaar worden opgeleverd.
27-03-1956 Friese koerier: Reder vestigt zich in Harlingen. Harlingen. Het is een onmiskenbaar feit dat in de Friese havenstad de belangstelling voor de kustvaart de laatste tijd aanmerkelijk groeiende is. Tot dusver waren er drie kustvaarders die Harlingen als thuishaven hadden, een aantal dat nu vier bedraagt. Want door de combinatie P. Hilgenga en B. v. d. Gaast is namelijk van het scheepvaartbedrijf Gruno te Groningen aangekocht het 325 ton metende m.s. ALBION. De overdracht heeft te Capelle a.d. IJssel plaats gevonden. De Albion behoort tot de klasse Lloyds Register en werd in 1938 gebouwd bij de scheepswerf van Gebr. van Diepen te Waterhuizen. Momenteel ligt de Albion te Rotterdam waar hij zal worden bevracht voor Engeland, terwijl hij omstreeks mei met een lading hout te Harlingen wordt verwacht. De naam van het schip blijft ongewijzigd.
1956-12-05: Tijdens de reis van Horsens, Denemarken naar Hull met een lading van 290 ton oesterschelpen in aanvaring met een onbekend vaartuig bij de Railway Dock te Hull.
1957-05-15: Teruggekeerd (op de Nieuwe Waterweg) van haar reis Rotterdam naar London met machineschade. 18 mei 1957 na herstel schade aan motor vertrokken naar Liverpool.
1959-06-16: Op reis van Portreath naar Hayle, machineschade opgelopen door aanzuigen van zeewier in zeeinlaat. Cilinder door te weinig koeling beschadigd en uitgewisseld. 24 juni 1959 na reparatie reis voortgezet naar Tees
1959-08-26: Op reis van Brugge naar Creeksea met een lading board, kreeg het schip plotseling slagzij over bakboord met water inloop in de verblijfsaccomodaties. Deel van de deklading overboord gezet en dezelfde dag veilig te Creeksea aangekomen.
1961-02-24: NvhN 24-02-1961: Harlingen thuishaven voor veertien coasters. De kustvaarder „Mars", kapitein-eigenaar G. v. d. Molen uit Harlingen, wiens schip echter in Groningen, waar de eerste eigenaar woonde, geregistreerd was gebleven, is onlangs op de werf Welgelegen te Harlingen met vijf meter verlengd, waardoor 45 ton meer laadvermogen werd verkregen. Omdat er nu toch nieuwe meetbrieven e.d. moesten komen, kon tegelijk een overschrijving van thuishaven kosteloos geschieden. Speciaal op verzoek van mevr. v. d. Molen, van geboorte een Harlingse, werd tot overschrijving naar Harlingen besloten en dat had donderdagmiddag een kleine, maar feestelijke plechtigheid op de Mars tengevolge. De kustvaarders, met als tuishaven Harlingen, zijn de volgende: ALBION, rederij v. d. Gaast en Hilgenga; Avanti en Waddenzee, rederij Holwerda; Coenraad K en Hennie, rederij v. d. Meer en Gebr. De Jong; Frisia, rederij Frisia; Harlingen, Helvetia S, Tjerk Hiddes en Ramona, rederij Gebr. v. d. Schoot; Jenjo, rederij v. d. Meer en Koster; Tiro. Motorbootmij. van de n.v. Zeevaart R. D. Pollendam, rederij J. v. d. Schoot & Zn en nu als veertiende de Mars van de heer G. v. d. Molen.
1963-12-27: Het Vrije Volk 27-12-1963: „Ik belde mijn vrouw en zei: Kom maar hierheen, want ik zit in de nesten". Prijs van liet Jaar is voor de ALBION uit Harlingen 26000. (Van een onzer verslaggevers) Hij stond op twee „pallets", tussen balen vodden uit Bulgarije, twee ingepakte auto's uit Londen, een paar kisten zeer breekbaar glaswerk uit Liverpool en dozen vol giftige chemicaliën uit een of andere fabriek aan de Theems. Dr. K. P. (van der Mandele), linkerhanden de zak van zijn wat gesleten, voorname overjas en de voeten van zijn auditorium werden kouder naarmate zijn toespraak vorderde. „Gij, kapitein,", zei hij met de waardigheid bij zijn naam en zijn zeer hoge leeftijd past, „gij kapitein van de Albion hebt de prijs van het jaar gekregen. Wij zijn daar blij om. Uw kleine schip is ons als het 26.0000 te liever dan een gróte tanker, want het vaart onder Hollandse vlag als een toonbeeld van koene zeemanskunst. Hij drukte de ronde Fries een zilveren sigarettenkoker in de hand en de gezagvoerder beklom in de scherp riekende loods met enige reserve het podium: ,Komaan, in mijn 42-jarige leven heb ik nog nooit zo'n gezelschap toegesproken. Nu zal ik het erop wagen. Ik dank u voor de goede gaven. Toen ik op eerste kerstdag de Nieuwe Waterweg opvoer, had ik niks in de gaten. Later, toen ik de brug bij de Spoorweghaven doorging, hoorde ik de bruggewachter iets roepen. Ik verstond 26 en dacht dat de man zijn kalender niet bij had gehouden. Voor de wal zeiden ze dat ik een recordschip was en ik belde mijn vrouw en zei: Kom maar hierheen, want ik zit in de nesten." Zijn schip was van morgen te klein om de tientallen , recordvierders tegelijk te ontvangen. Havendirecteur Posthuma, havenmeester Goslings, Havenbelangen-president Blussé van Oud Alblas en nog een paar dozijn volgelingen meer. “Nu zal meneer A. u namens mij nog even bedanken," zei de kapitein. Meneer A. verscheen op de planken. „Wat moet ik zeggen heren? De Kapitein heeft het allemaal al gezegd." Toch feest aan boord. „We gaan aan bakboord naar binnen, aan stuurboord de deur weer uit. Niet blijven staan, alstublieft, want, daar is geen ruimte voor. Even een slok op het record en dan wegwezen." Het scheepje puilde uit. De kapitein stond in de hoek van het salonnetje, naast zijn zoon Jan. Zijn vrouw en die van meester „Heintje", Hoekman serveerden. Leuk hè? Als jongen van zestien heb ik mijn schip in Waterhuizen in het Winschoterdiep zien plompen. Ik vaar er nu zeven en een half jaar op. Twee en een half jaar voor de Thames Lijn van James Smith. Honderdvijftig keer Londen- Rotterdam, heen en weer, samen 20.000 ton stukgoed. Een radiootje, meneer! Ik hou van goeie spulletjes. Daarmee kan ik vanuit de Middelandse Zee nog naar Harlingen bellen. Een loods aan boord? Ben je gek! Je kent het water als een beddekruik. Een echolood? Waarom? We peilen met een touwtje. Als we moeten peilen, natuurlijk, want we zijn overal thuis. Zes bemanningsleden heeft zijn schip, de kapitein erbij inbegrepen. Nou ja, zegt hij zelf, eigenlijk zeven natuurlijk, want als je naar mij kijkt, begrijp je dat ik op zo'n scheepje voor twee tel. Zijn indrukwekkende gestalte verspert inderdaad helemaal alleen een fors deurgat. Dr. K.P. Is allang weg. Hij heeft zich aan het organisatieschema van het feestelijkheidje gehouden. Daardoor mist hij de lofrede, die reder-cargadoor Van Hoey Smith voor een paar samengedrukte toehoorders op de kustvaart van schepen als de Albion afsteekt. 'Vlak het niet uit, wat deze kusters voor de Rotterdamse haven betekenen. ledere week lopen ze binnen; jagen ze de stukgoedcijfers omhoog. Een goed schip, een prachtige bemanning een machtige kapitein.' De Harlinger hoort het 'Vergeet mijn meester niet. Hij is weggeweest, heeft op een bergingsboot gevaren. Op de Rijn heeft hij de Tïna Scarlett geborgen. Nu is hij terug. Verstandig.' Dank zij cargadoor Van Hoey kan er op de Albion vanavond nog een feestje worden gevierd. Een enveloppe, die er opmerkelijk gevuld uitzag, verdween in de handen van de kapitein. Hij keek niet verrast, wél erg tevreden. En bij het afscheid zei hij, dat hij achteraf beschouwd het er toch wel voor over heeft gehad Kerstmis niet thuis, maar aan boord te vieren. Zijn vrouw had dat toen al toegelicht. In een sanatorium in Blaricum wordt hun zoontje Egbert verpleegd. Gistermiddag zijn ze er samen even heen geweest. Toen gingen ze terug naar Rotterdam, om zich voor te bereiden op het feest. „Ik moet deze zilveren sigarettenkoker nog wel even trug hebben. Vanwege de inscriptie," zei dr..Van de Mandele. Kapitein Hilgenga nam het geschenk met beide handen aan en zijn zoon Jan keek zeer onder de indruk toe. Hij wil naar: zee, naar de grote vaart.
Friese koerier 28-12-1963: Harlinger coaster is 26.000ste schip Rotterdam huldigde Hilgenga en mannen. Harlingen. Rotterdam heeft gistermorgen kapitein-eigenaar Piet Hilgenga (42) uit Harlingen gehuldigd ter gelegenheid van de aankomst op Eerste Kerstdag van zijn coaster „Albion", het 26.0000 te schip dat dit jaar de haven van de Maasstad binnenliep. Toonbeeld van de oud- Hollandse navigatie.Vele belangstelfenden waren daarvoor in de dichte mist naar de spoorweghaven gekomen, waar de „Albion" sinds woensdagavond 10 uur ligt afgemeerd — eigenlijk waren er teveel mensen voor de kleine kustvaarder, die slechts een draagvermogen heeft van 330 ton. De plechtigheid werd daarom verplaatst naar een van de loodsen op de kade, waar de „Albion" haar lading stukgoederen had afgeleverd. Goed gemaakt. Het gemis aan sfeer werd daar goedgemaakt door Rotterdam's „Grand Old Man" mr. dr. K. P. van der Mandele, voorzitter van het comité-havenjaar-1963, die er zijn vreugde over uitsprak dat juist een klein schip onder Nederlandse vlag het recordcijfer van 26.000 had bereikt „Varen met een dergelijke kustvaarder", zei hij, „is een toonbeeld van oud-Hollandse navigatie — en daar zijn wij trots op". Mr. dr. Van der Mandele bood kapitein Hilgenga een zilveren sigarettenkoker aan. „Nu gaan wij regelrecht door naar het 30.000ste schip", voegde hij daar aan toe. De Friese gezagvoerder is een goede bekende in de Maasstad. Ruim twee jaar vaart hij nu al met zijn coaster in de zgn. Thames-lijn tussen Rotterdam en Londen. „Meer dan 150 reizen op en neer", constateerde de heer J. R. P. van Hoey Smith, directeur van de lijndienst, „met in totaal 20.000 ton aan stukgoederen". „Kerstdagen gekost” Kapitein Hilgenga — 22 jaar zeeman, ruim 7 jaar op de „Albion" — reageerde zelf nogal laconiek. „Het heeft me m'n kerstdagen gekost", zei hij berustend, „maar dat moest dan maar 'ns een keer". Door alle drukte rond deze aankomst kon hij niet naar Harlingen reizen, maar gelukkig was er nog wel voldoende tijd op zijn oudste zoon Egbert (14) op te zoeken, die in een sanatorium in Blaricum wordt verpleegd. Zijn vrouw en zoon Jan (13) waren vanmorgen in Rotterdam. Vandaag: Londen. Vandaag vertrekt de „Albion" weer naar Londen, waar de heer Hilgenga en zijn 5 bemanningsleden met een goed gevulde portemonnaie oud en nieuw zullen vieren. Want bij de vele geschenken was ook een enveloppemet-inhoud, die het verlies van de kerstdagen moet goedmaken. Kapitein Hilgenga is een zeeman van het nuchtere type: „Ik vaar nooit met een loods", zei hij, „dat is met zo'n krielkip niet nodig". Dat „krielkip" overigens, werd heel liefkozend uitgesproken. …
De Telegraaf 28-12-1963: Groot feest op 'n klein schip. Gisteren is een klein schip in een grote haven gehuldigd. De piepkleine kustvaarder Albion (280 ton bruto, 6 opvarenden) brak het record van de Rotterdamse haven door op eerste Kerstdag het 26.000ste schip te zijn, dat in één jaar de Maasstad aanliep.Het was geen huldiging, zoals men die kent van een receptie in een grandhotel, of op het hoofdkantoor van een groot concern. Maar het was wel een, typisch Rotterdamse huldiging. De 50 genodigden konden allemaal onmogelijk aan boord. Geen nood, men besloot het officiële gedeelte dan maar te houden in een van de havenloodsen langs de kant. Record. Terwijl de havenarbeiders met een gezicht van „loop ons niet in de weg" met hun werk in de loods doorgingen, vond de grand old man van Rotterdam, mr. dr. K. P. van der Mandele een stapel lege pallets, waar hij opklom. De radioverslaggever zette een microfoon op een stapel dozen met bussen scheepsverf. De toehoorders zochten zich een plaats tussen balen rubber en kisten met ondefinieerbare opschriften. „U wist het zelf niet, maar u bracht een mooi bericht voor ons mee", zei de heer Van der Mandele tegen kapitein P. Hilgenga (42). „Het record in de Rotterdamse haven is gebroken. Dat wij het in deze loods herdenken is wel zo aardig". Hij schonk de kapitein een zilveren sigarettenkoker met inscriptie als aandenken. Parkeerverbod. De rederij James Smith and Sons, die het schip in huur heeft,schonk kapitein en bemanning een couvert om de kerstdagen ietwat verlaat toch nog feestelijk te kunnen vieren. De borrel is toch nog aan boord geschonken. Er werd in allerijl 'n verkeersregeling geïmproviseerd. De enige salon, 2 ½ bij 4 meter groot, van het schip kon aan bakboord betreden worden en men moest er aan stuurboord weer uit. Er bestond een parkeerverbod voor de gasten aan boord. Wie „gebunkerd" had, werd verzocht het scheepje weer snel te verlaten. Andere gasten wachtten nog op de loopplank. Een grote hoek van de salon nam kapitein Hilgenga met zijn 204 ponden lichaamsgewicht zelf in beslag. Hij vaart al 22 jaar op kusters, voer lange tijd voor de KNSM, waarvan 7 jaar op de Albion, die zijn eigendom werd. Hij vaart nu al 2 jaar voor rekening van Smith and Sons tussen Londen en Rotterdam op en neer. Drinken. Vijftig keer per jaar komt hij de Rotterdamse haven binnen! . Van de 26.000 schepen neemt hij dus zelf al een halve honderd voor zijn rekening. In die twee jaar bracht hij 20.000 ton stukgoed over zee, pendelde 100 keer op en neer van Londen. De vertegenwoordiger van Smith knikt bij deze woorden nadrukkelijk. Kapitein Hilgenga wist het zweet van zijn gezicht. Hij probeert oog te houden op de receptie. Zijn vrouw en de vrouw van de machinist schenken de glazen vol en zeggen: wie nog niet gehad heeft, steek maar een hand uit en geef uw glaasje door.
1972-07-27: Het Vrije Volk 27-07-1972: Marine haalt bemanning van schip af. (Van een onzer verslaggevers) Westkappelle — Een marinehelikopter heeft vanmiddag de drie opvarenden van de kleine Britse kustvaarder Albion (200 ton) afgehaald en in Westkapelle aan land gezet. Onder hen is kapitein J. Dwrjea die gewond raakte toen het scheepje vanmiddag 1 ½ mijl ten noordwesten van Westkapelle op de Botskilbank strandde. Duizenden mensen hebben op het strand van Westkapelle de reddingsacties gadegeslagen. Toen de Albion strandde brak er brand uit. Sleepboten konden het schip niet bereiken. De vuurpijlen die dé bemanning afschoot werden gezien door de Nederlandse kustvaarder Kittywake. Onmiddellijk nadat het schip alarm had geslagen steeg een marinehelikopter op. Vanuit de helikopter werd een man met een lijn op de Albion gedropt. Getracht wordt nu de lijn over te brengen naar de sleepboot om daarna de Albion vlot te slepen. Een marine-Neptune coördineerde de reddingsactie. Nadat de bemanning zelf de brand had geblust en door de helikopter van boord was gehaald kon de reddingboot die vanuit Burgsluis was uitgevaren, terugkeren. Het schip is eigendom van de Britse rederij London & Rochester Trading Company.
Het Vrije Volk 28-07-1972: In Westkapelle is gisteren een helikopter bij een reddingsactie ingeschakeld. Daar werden drie opvarenden van de kleine Britse kustvaarder Albion van boord gehesen nadat het schip brandend op de Botskilbank was gelopen. Onder de geredden was kapitein J. Dwyea, die bij de stranding enkele middenvoetsbeentjes brak. Hij moest per brancard aan boord van de helikopter worden gehesen. Sleepboten konden het schip door de gróte ondiepte eerst niet bereiken, maar nadat eerder 'n poging van de marine om met de helikopter een lijn over te brengen was mislukt slaagden twee mannen met een kleine motorvlet daar wel in. Het schip dat op weg was naar Engeland is teruggesleept naar Antwerpen. Kapitein Dwyea ligt in het. Vlissingse ziekenhuis. Zijn twee bemanningsleden, ook Engelsen, zijn in een hotel ondergebracht.
1972-09-23: Final Fate:
Vertrokken uit Rotterdam naar Colchester na verkocht te zijn aan Group Six Shipbreakers. Op 20 oktober 1972 op de Acorn Wharf de motor verwijderd* door Flame Cap. Ltd., te Rochester en daarna verkocht aan en gesloopt door Mayer, Newman Co. te Milton Creek, Sittingbourne, Engeland.

* De hoofdmotor (Brons Nr. 14339) werd herplaatst in de 'Sorel' (ex. 'Lady Sandra') van Mache Shipping Ltd., Jersey.


Afbeeldingen


Omschrijving: WEGRO in de nieuwe Oostersluis op 05-11-1938.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Proefvaart
Gemaakt door: Foto Dijkstra, Delfzijl
Onderwerp: Proefvaart

Omschrijving: WEGRO
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: ALBION
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: ALBION liggend in de Rotterdamse Spoorweghaven in juli/augustus 1970.
Gemaakt door: Goudriaan, J. (Koos)

Omschrijving: ALBION
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: ALBION
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: ALBION
Gemaakt door: Unknown