Inloggen
UNI-T - ID 6791

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1951
Classification Register: Bureau Veritas (BV)
Nat. Official Number: 2673 Z GRON 1951
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo
Type Dek: Raised quarter deck
Masten: One mast
Rig: 2 derricks
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: C.V. G. J. van der Werff's Scheepsbouw, Westerbroek, Groningen, Netherlands
Werfnummer: 262
Launch Date: 1951-09-20
Delivery Date: 1951-11-15
Technical Data

Engine Manufacturer: D. & Joh. Boot N.V., Motorenfabriek 'De Industrie', Alphen aan den Rijn, Zuid-Holland, Netherlands
Motor Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 6
Power: 395
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Industrie nr. 4027 Type 6D7O (12-18 1/8)
Speed in knots: 9.50
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 398.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 255.00 Net tonnage
Deadweight: 570.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 28000 Cubic Feet
Bale: 27000 Cubic Feet
 
Length 1: 49.64 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 45.64 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 8.00 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.70 Meters Depth, moulded
Ship History Data

Date/Name Ship 1951-11-13 UNI-T
Manager: Carebeka N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: N.V. Kustvaart 'Unie', Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder: Kornelis Tzn, Frederik en Teunis Eeftingh & Johannes Rikstinus Salomons
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PICJ
Additional info: HFL. 564.364,--

Date/Name Ship 1952-09-25 ARIËL
Manager: Carebeka N.V., Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: N.V. Kustvaart 'Unie', Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder: Kornelis Tzn, Frederik en Teunis Eeftingh & Johannes Rikstinus Salomons
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PCUB

Ship Events Data

1951-09-20: NvhN 21-09-1951: Tewaterlating UNI-T. Bij de CV. G. J. van der Werff's Scheepsbouw te Westerbroek, werd gisteren met goed gevolg te water gelaten de nieuwe kustvaarder Uni-T, die een laadvermogen heeft van 575 ton d.w. De afmetingen van het schip zijn: lengte over de loodlijnen 45 m., breedte 8.10 m. en holte 3.27—4.07 m. Het schip is van het raised quarterdecktype. De bouw geschiedde voor rekening van de N.V. Kustvaart Unie te Groningen, onder toezicht van Bureau Veritas en Scheepvaart Inspectie. Ingebouwd zal worden een 400 p.k.-motor. De kiel zal gelegd worden voor een zusterschip, te bouwen voor rekening van mevr. Schuitema—Dories.
1951-11-14: Op 14-11-1951 als UNI-T, zijnde een stalen motorschip, groot 1128.39 m3 bruto inhoud volgens meetbrief 's Gravenhage d.d. 09-11-1951 no. 8596, liggende te Delfzijl, door J. Matthijssen, scheepsmeter te Groningen, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 2673 Z GRON 1951 op het achterschip aan S.B. zijde in achterschot trappenhuis op verhoogd achterdek, 2.30 m. uit de hekplaat, 0.20 m. uit de lengteas, 1.55 m. boven dek.
1951-11-29: Onderweg in ballast van Vaxholm naar Hargshamn, tijdens zware storm in de Öregrund-scheren bij Svartklubben op het eiland Mäskobben, Zweden aan de grond gelopen. Het schip werd na diverse pogingen vlotgesleept op 3 december door de sleepboot 'Neptunus' maar kapseisde. Op 22 mei 1952 met zeer zware averij vlotgebracht en naar Svartklubben gebracht voor tijdelijke reparaties en vervolgens naar Stockholm. Kwam op 27 mei 1952 in Rotterdam aan voor definitieve reparatie bij Scheepswerf Vuyk. Ze werd als 'Ariel' weer in de vaart gebracht.

NvhN 03-12-1951: De Uni-T gezonken. Bemanning gered. De Uni-T, het nieuwe Groninger motorschip van 301 ton, dat Donderdag bij Oesthammar in Oost- Zweden aan de grond liep, is, na vlot gekomen te zijn, plotseling gezonken. De bemanning werd gered. Van United Press vernemen wij, dat er een zware storm langs de Zweedse kust heerste, toen het schip aan de grond liep in de buurt van de vuurtoren van Svartkubben. Toen het schip weer vlot gekomen was, draaide het plotseling een hele slag om en zonk onmiddellijk. Het ongeluk speelde zich in enkele ogenblikken af. Mevrouw Eefting, de echtgenote van de kapitein-reder, de heer K. Eefting uit Groningen, en haar dochter moesten uit de hut bevrijd worden, toen de mannen reeds op de romp van het schip liepen. Reuter meldt, dat de bemanning van 20 koppen gered is. Waarschijnlijk zijn hierbij ook opvarenden van de bergingsvaartuigen, die de Unie-T poogden vlot te krijgen, gerekend, want aan boord van de gezonken Groninger coaster bevonden zich niet meer dan.
Leeuwarder courant 03-12-1951: Groningse coaster „Uni-T" op op haar eerste reis vergaan. Bemanning met de grootste moeite gered. (Van onze Groningse correspondent)
Het gloednieuwe Groningse kustvaartuig „Uni-T" is Zaterdagmiddag ter hoogte van de Svartklubben bij de Alandseilanden aan de Zweedse kust ten ondergegaan toen pogingen werden gedaan het gestrande schip weer vlot te krijgen. De bemanning, alsmede enige mensen van de bergingsboten, konden slechts met de grootste moeite worden gered.
Zij hebben niets kunnen meenemen van boord. Het schip is achteruit gezonken; alleen een stukje van het voorschip steekt nog boven het water uit. De bergingskansen worden door het snel slechter wordende jaargetijde in dit gebied tamelijk gering geacht. De „Uni-T", toebehorend aan de N.V. Kustvaartunie te Groningen (dezelfde rederij verkocht de vorige maand het kustvaartuig „Uni-F" aan de rederij „Dora" te Heerenveen), hield op 15 November de proeftocht op de Eems. Van Emden uit vertrok het met een lading kolen naar Stockholm. Na lossing vertrok het in ballast naar Hargshamn, maar 't noodlot heeft het schip onderweg achterhaald met het bovenvermelde gevolg. Het schip mat 575 ton d.w. bij ongeveer 100 brt. Eigenaar aan boord. De kustvaarder had een bemanning van negen koppen. Gezagvoerder was de heer K. Eeftink, eigenaar van het schip en directeur van de genoemde rederij, die deze eerste reis persoonlijk wenste mee te maken. Hij was ook van plan de „Uni-T" naar Amerika te brengen. Daar zou het namelijk in de kustvaart worden gebruikt. Het is nog niet bekend hoe de ramp zich precies heeft toegedragen. Vermoedelijk zat er nog te veel water in het schip, waardoor het is gekapseisd. De “Uni-T" was namelijk Donderdagavond aan de grond geraakt. Twee bergingsboten waren bezig het vlot te slepen en leeg te pompen toen het onder ging.
NvhN 05-12-1951: Het gezonken m.s. Uni-T; Berging voorlopig onmogelijk. De expert W. Meulman van de Ond. Ver. Zeevaart te Groningen, waarbij het op het eiland Massten nabij Svartklubben (Zw.) gestrande en tijdens de berging gekapseisde en gezonken m.s. Uni-T van de Kustvaart Unie te Groningen is verzekerd, heeft aan zijn directie te Stockholm meegedeeld, dat het voorlopig onmogelijk is om het schip te bergen, gezien de slechte weersomstandigheden in deze tijd van het jaar. Het schip ligt op stuurboordzijde op een grote steen met het voorschip boven water. Van het achterschip is slechts de bakboordsbolder zichtbaar. De toestand van de Uni-T is uiterst precair.
1952-03-31: Nederlandse Staatscourant 31-03-1952: Uitspraak Raad voor de Scheepvaart naar aanleiding van het stranden van het motorschip Uni-T nabij Svartklubben op het eiland Mäskobben in de Oregrund Scheren op de reis van Vaxholm naar Hargshamn. Het schip voer in ballast. Bij het vlotslepen, vóór dat het schip geheel vrij was, viel zij over stuurboord en liep het ruim vol. Oordeel van de Raad is dat de stranding geheel moet worden toe geschreven aan de zeer onvoldoende navigatie van de kapitein. De Raad straft daarvoor kapitein Kornelis Eeftingh, geboren 24 januari 1888, wonende te Groningen, door hem de bevoegdheid te ontnemen om als kapitein te varen op zeeschepen voor de tijd van zes maanden.
1952-04-15: NvhN 15-04-1952: De stranding van de Uni-T. Kapitein voor een half jaar bevoegdheid ontnomen. Eind November strandde nabij Svartklubben op het eiland Maskobben de Uni-T, een coaster van de N.V. Kustvaart Unie te Groningen. Bij de bergingspogingen ging het schip verloren. De Raad voor de Scheepvaart te Amsterdam sprak als zijn mening uit dat de stranding moet worden toegeschreven aan zeer onvoldoende navigatie. De kapitein, de heer K. E. te Groningen, werd de bevoegdheid om als gezagvoerder van zeeschepen te varen voor de tijd van 6 maanden ontnomen. De eis was 12 maanden.
1952-05-27: NvhN 1952-27-mei: De Uni T geborgen. Naar wij vernemen, is de Duitse bergingsfirma Ottar Harmsdorff uit Hamburg tegen veler verwachting in erin geslaagd, het motorschip van de Kustvaart Unie N.V. te Groningen, dat op zijn eerste reis in November j.l. op de Zweedse kust bij Svartklubben strandde, en later kapseisde en zonk, weer vlot te krijgen. De directie van de Vereniging Zeevaart, wederkerige waarborgmaatschappij tot verzekering van zeeschepen te Groningen, waarbij het motorschip Uni-T was verzekerd, heeft uit Stockholm een telegram ontvangen, waarin wordt gemeld, dat de Uni-T thans bij Svartklubben ligt om voorlopig te repareren. Het schip is aan stuurboordzijde zwaar beschadigd. Men verwacht de Uni-T eind dezer week in een droogdok in Stockholm te kunnen opnemen. Men kan dan nagaan of het schip zover kan worden hersteld, dat het naar Nederland of Duitsland kan worden gesleept voor volledige reparatie. De Uni-T meet 575 ton d.k. en is uitgerust met een 400 P.K. hoofdmotor. Het schip werd gebouwd bij de CV. G. J. van der Werff's Scheepsbouw te Westerbroek. Door een ongelukkige manoeuvre tijdens de bergingspogingen door Zweedse bergers na de stranding in November j.l. kapseisde de Uni-T en zonk, waarna de pogingen werden gestaakt. Het schip heeft de hele winter in een zeer precaire positie voor de Zweedse kust gelegen. Op 04-06-1952 te Stockholm in droogdok voor inspectie. 27-07-1952 te Rotterdam binnen gesleept door een Duitse sleepboot en naar A.Vuijk & Zonen Scheepswerven N.V. te Capelle a/d IJssel gebracht voor herstel.
1954-01-18: Onderweg van Hamburg naar Ipswich wegens een defect aan de stuurinrichting tijdens storm gestrand op het Bornrif bij Ameland. Vlotgebracht met bodemschade en op Borkum gezet om zinken te voorkomen. 30 Januari naar Delfzijl gebracht voor reparatie bij Scheepswerf Sander.
Het Vrije Volk 18-01-1954: Coaster ARIEL na stranding vlot. Het Nederlandse kustvaartuig Ariel van de Kustvaart-Unie te Groningen, dat Zondag ongeveer 150 km ten noorden van Ameland in moeilijkheden verkeerde door een defect aan de stuurinrichting, is vannacht gestrand op het Bornrif; om negen uur kwam het schip op eigen kracht weer vlot. De Ariel verloor twee ankers, stuurt slecht en zet, geassisteerd door de sleepboot Holland en de reddingboot Insulinde koers naar Delfzijl.
NvhN 01-02-1954: De kustvaarder ARIEL, die enige weken geleden in een zware storm op het Bornrif is gestrand en daarbij averij opliep, is nu in Delfzijl aangekomen. Zaterdag hebben sleepboten het schip door het met ijs bedekte Eemskanaal naar Sanders reparatiewerf gebracht.
1954-12-07: Final Fate:
Onderweg met een lading van 505 ton kolen van Cardiff (4 december vertrokken) naar Bordeaux tijdens een vliegende storm zuid-west van Sables d' Olonnes gezonken en in tweeën gebroken. De bemanning (8) ging in de reddingsboot. De boot sloeg om en alleen de kapitein en twee bemanningsleden wisten zwemmend de wal te bereiken.
1954-12-09: Het Vrije Volk 09-12-1954: Storm kost weer vijf zeelieden het leven. Coaster ARIEL vergaat in kolkende zee. Dood achterhaalt vier mannen
Dr Groningse kustvaarder ARIEL is in de nacht van Dinsdag op Woensdag voor de Franse kust, ter hoogte van Les Sables d'Olonne, in een kokendezee ten onder gegaan. Vijf van de acht opvarenden verdronken. Een van hen werd door een tien meter hoge breker over boord geslagen. De overige vier werden nog door de dood achterhaald toen de reddingssloep vlak bij de kust enkele malen omsloeg. Alleen de kapitein G. K. Tuin uit Delfzijl en de eerste en tweede machinist, H. Rijks en K. Akkerman,- beiden uit Groningen, wisten de kust te bereiken. Zij werden in uitgeputte toestand in het ziekenhuis van Les Sables d'Olonne opgenomen.'. Geen van hen is echter ernstig gewond en alle drie hebben zij een voortreffelijke nacht achter de rug. Tijdens een uitvoerig telefonisch onderhoud heeft kapitein Tuil ons vanmiddag de hele toedracht van de ramp met zijn, schip, dat Zaterdag met een lading kolen van Cardiff naar Bordeaux was vertrokken, verteld. „Het was," zo zei hij, „zeer zwaar weer. We konden maar met moeite het schip houden. Toen kwam er op een kwaad ogenblik een vreselijke breker, die ik zeker tien meter hoog schatte. Een stortvloed van water brak het scheepje. Het voorluik sloeg in elkaar, de laadbomen werden weggeslagen en het water stroomde de verblijven binnen. In enkele ogenblikken liep de machinekamer vol. Ik begreep dat het nog maar een kwestie van ogenblikken kon zijn. Een der twee lichtmatrozen was met de breker over boord geslagen. Wij heben hem niet meer gezien. Als gekken werkten wij om de sloep in het water te krijgen. Binnen een paar minuten waren we weg van de ,Ariel". Het schip heeft misschien nog zes minuten gedreven. Wij hebben het zien ondergaan. Er/waren nog lichten op. Urenlange marteltocht. De kapitein praat met een doffe stem, als een gebroken man. Hij vertelt van de marteltocht, die uren zou duren, en die maar drie van de zeven nog overgebleven mannen zouden overleven. Driemaal sloeg de sloep om. Tweemaal wisten zij de sloep te rechten. Zij hoosden 't bootje met hun handen leeg. Het was hondenwerk. In de donkere nacht wisten zij soms nauwelijks de richting van de kust te bepalen. Niemand had de Ariel zien ondergaan. Zij hadden geen tijd meer gehad voor noodseinen. „Toen de sloep voor de derde maal omsloeg," vertelde Tuil verder, „raakte de kok beklemd onder de sloep. Maar ook die keer wisten we de zaak weer recht te krijgen. De kok had zeer veel water binnen gekregen. Wij brachten hem bij, maar hij stierf onder onze handen." Een voor een los .... OpnieuW sloeg de sloep om. De mannen zagen deze laatste maal geen kans meer het bootje recht te. krijgen. Zij klemden zich aan het scheepje vast. Zo, zich vastklampend aan de kiel, heeft kapitein Tuil een voor een zijn mensen zien loslaten. Zij verdronken. Hij kon er niets aan doen. 'Hij was machteloos als een kind. Gedrieën spoelden, zij met het bootje aan de kust aan. „We hadden meer kracht dan we dachten. We konden nog zon beetje lopen. We zagen een huisje waar licht op was. We zijn daar op afgegaan. Het was een arbeidershuisje. Hoe de mensen heetten weet ik niet meer. Zij waarschuwden de politie. Dat is alles." Kapitein Tuil en zijn beide machinisten worden goed verzorgd. Hij heeft zijn zaken afgedaan, maar hij moet in het dorp blijven. Tot nu toe vond men slechts het stoffelijk overschot van de lichtmatroos Bruggeman, maar heel de bevolking en alle politie en brandweermannen van het plaatsje zoeken nog steeds. De kapitein wil blijven tot het bittere eind. Hij wil zelf zijn mannen identificeren. Het schip is weg. „Het was een goed schip," zegt kapitein Tuil." Ondanks alle pech die we er mee hebben gehad." Maar het zal niet meer gelicht kunnen worden. Kapitein Tuil is een gebroken man.
Slachtoffers. Bij de schipbreuk van de Groningse coaster „Ariel" ' zijn de volgende bemanningsleden omgekomen: De 33-jarige stuurman J. Gerding, Molenkampsteeg 41, 1 Haren (Gr.); de 22-jarige kok J. C. Kremer, Zuideinde 20, Exloo,. gem. Odoorn; de 18-jarige matroos onder de gage R. Scheffer uit Bergum (Fr.); de 16 jarige lichtmatroos E. Bolt, Siddeburen en de eveneens 16-jarige lichtmatroos F. Bruggeman uit Appingedam. Er bevond zich geen vrouw aan boord, zoals men aanvankelijk veronderstelde. Tot nu toe heeft men slechts het stoffelijk overschot van één der opvarenden weten te bergen. De bevolking en de brandweer van Les Sables d'Olonne zoeken de kust af.

Het Vrije volk 09-12-1954: Derde ramp was ARIEL fataal. De voor de Franse kust vergane Groningse coaster werd Ariel gedoopt toen het schip in het najaar van 1952 weer in de vaart werd gebracht, nadat het begin December 1951 bij de Aalandseilanden aan de Zweedse kust aan de grond was gelopen. De stranding gebeurde veertien dagen na de proef vaart toen de coaster na zijn eerste reis naar Stockholm leeg op weg was van de Zweedse hoofdstad naar Hargshamm om daar hout te laden. Terwijl men bezig was het schip hulp te verlenen, kapseisde het. Pas in Mei 1952 slaagde men erin het te lichten. Ook dit jaar beleefde de Ariel een hachelijk avontuur. Op het Bornrif aan de Waddenkust kwam het schip in moeilijkheden te verkeren en slechts met de grootste moeite kon het zwaar beschadigd worden binnengehaald. De derde ramp heeft het nu niet overleefd.

NvhN 09-12-1954: Groninger kustvaart opnieuw getroffen. Zusterschip van de Westward Ho ook vergaan Ariël (ex-Uni-T) had veel ongeluk. De 389 ton metende Groninger kustvaarder Ariël (vroeger Uni-T geheten) is in de nacht van Dinsdag op Woensdag vergaan voor de Franse kust ter hoogte van Les Sables d' Olonne, een kustplaatsje 200 kilometer benoorden Bordeaux. Daarbij hebben vijf van de acht opvarenden het leven verloren. De Ariël werd in 1951 in Westerbroek gebouwd als zusterschip van de Westward Ho, waarvan thans op grond van de laatste berichten wel aangenomen moet worden, dat zij met man en muis is vergaan. Vijf man omgekomen van de verloren gegane Ariël

NvhN 13-12-1954: Ariel en Westward Ho geen zusterschepen. In de eerste berichten van het vergaan van de Ariel is vermeld, dat deze kustvaarder een zusterschip zou zijn van de een paar dagen eerder vergane Westward Ho. Deze mededeling blijkt thans op een foutieve inlichting te berusten. De Westward Ho was een zusterschip van de Triton; de Ariel behoorde met de Noordstad en de Reliable tot een serie. Al deze schepen werden gebouwd bij de Comm. Venn. G. J. v. d. Werff's Scheepsbouw te Westerbroek.

NvhN 13-12-1954: Stoffelijk overschot lichtmatroos E. Bolt geborgen. Het stoffelijk overschot van de 16-jarige lichtmatroos E. Bolt uit Siddeburen, een van de opvarenden van de voor de Franse kust gezonken Groninger kustvaarder Ariel, is door het Franse vaartuig Loulou op ongeveer twintig mijl van Les Sables d'Olonne geborgen.

NvhN 15-12-1954: Mevrouw Tuil (Kapiteinsvrouw Ariël): „De coasters zijn best!" Reder prijst kapitein Tuil. De drie overlevenden van de vorige week voor de Franse kust tijdens zware storm vergane Groninger kustvaarder Ariël (ex-Uni T) zijn gistermiddag in Groningen teruggekeerd. Toen wij ons gisteravond in Opwierde (gem. Appingedam) bij de kapitein G. K. Tuil vervoegden om uit zijn eigen mond te vernemen, hoe de scheepsramp zich had toegedragen, bleek hij niet bereid ons te woord te staan. Hij was zeer gebelgd over diverse krantenpublicaties over het vergaan van de Ariël, met name over hetgeen een Friese krant over zijn persoonlijk gedrag geschreven zou hebben. Zijn echtgenote, mevrouw Tuil-Bolt, die ons aan de deur ontving, een jonge, pittige vrouw, konden wij nog vragen naar haar mening over de geruchten hier en daar de rond doen naar aanleiding van het vergaan van verschillende coasters, in kort tijdsbestek, waartegen ook reeds de inspecteur-generaal van de scheepvaart te velde is getrokken, zoals wij dezer dagen meldden. De coasters zijn best! was haar zeer positief gegeven oordeel. „Het weer is kapot. De bemanning van de Ariël vormde een beste ploeg met goede verstandhouding." Overigens bleek ook zij niet bereid verder iets te vertellen van hetgeen zij van haar man gehoord had. Zoals gemeld, was mevrouw Tuil op deze rampzalige reis niet aan boord, hoewel zij anders steeds meevaart.

De Waarheid 18-12-1954: Opvarende van „Ariël" aangespoeld. La Rpchelle, 28 December, Maandagochtend is aan de Franse kust, ter hoogte van La Tranche in da Vendee, een lijk aangespoeld. Het werd geïdentificeerd als dat van de kok J. Kremer, een van de opvarenden van het vergane Nederlandse vrachtschip „Ariel".

De Waarheid 22-12-1954: Stuurman Ariel begraven. Heren, 22 December. Op de begraafplaats te Haren is, onder grote belangstelling, de bij de ramp met het schip de "Ariel" om het leven gekomen 33-jarige stuurman Gerding ter aarde besteld.

NvhN 28-12-1954: Stoffelijk overschot van kok Ariel gevonden. Bij La Tranche in de Vendée aan de Franse Atlantische Oceaankust is Maandagochtend het stoffelijk overschot gevonden van de kok J. Kremer, een van de opvarenden van het vergane Nederlandse vrachtschip Ariel.
1954-12-28: NvhN 28-12-1954: Nieuw schip voor verloren gegane ARIEL. De N.V. Scheepsbouwbedrijf v/h Th. J. Fikkers te Foxhol heeft van de N.V. Kustvaart Unie te Groningen opdracht ontvangen voor de bouw van een gladdekcoaster van 1000 ton d.w., ter vervanging van het onlangs verloren gegane m.s. Ariël. Het schip zal worden uitgerust met een 600 p.k. hoofdmotor. De bouw zal geschieden onder Klasse Bureau Veritas voor de onbeperkte vaart. (Opm.: m.s. HUNZE)

2015-02-25: De Telegraaf 25-02-2015: Sinds 1954 vermist Nederlands schip gevonden. Noumoutier. Tijdens een onderwaterexpeditie hebben duikers een Nederland vrachtschip op de zeebodem geindentificeerd., Het schip, genaamd ARIEL, verdween op 8 decmber 1954. Het wrak werd ontdekt bij het eiland Yeu, op 62 meter diepte. De ARIEL behoorde tot de kusvaart van Groningen. Het schip werd gebouwd door een Nederlandse werf in Westerbroek.


Afbeeldingen


Omschrijving: Uni T 1951 on her deliveryday 15.11.1951.
Gemaakt door: Foto Dijkstra, Delfzijl

Omschrijving: De 'Uni-T' op de dag van de tewaterlating, 20 sept. 1951
Gemaakt door: Unknown
Onderwerp: Tewaterlating

Omschrijving: Proefvaart
Gemaakt door: Foto Dijkstra, Delfzijl
Onderwerp: Proefvaart

Omschrijving: Ariel 1951 ex Uni T
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: 'Ariel' (ex 'Uni-T')
Gemaakt door: Bunschoten, G.

Omschrijving: Uitspraak RvdS (1)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (2)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (3)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (4)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (5)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (6)
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS (7)
Gemaakt door: Unknown