Inloggen
POOLZEE - ID 5235

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1900
Nat. Official Number: 1216 DORD 1900
Categorie: Tug
Voorstuwing: Steamship
Type: Tug
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Firma L. Smit & Zoon, Kinderdijk, Zuid-Holland, Netherlands
Werfnummer: 619
Launch Date: 1900-00-00
Delivery Date: 1900-07-00
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Koninklijke Maatschappij 'De Schelde', Flushing (Vlissingen), Zeeland, Netherlands
Motor Type: Steam, Triple Expansion
Number of Cylinders: 3
Power: 750
Power Unit: IHP (IPK)
Eng. additional info: 17, 28 & 46-27.
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 304.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 12.00 Net tonnage
 
Length 1: 134.5 Feet (British) Registered
Beam: 27.6 Feet (British) Registered
Depth: 12.8 Feet (British) Registered
Zeebrieven en Turksche passen

Record type Zeebrief
Zeebrief jaar: 1900
Datum agenda:
Register nr: 0
Scheepsnaam: POOLZEE
Type:
Lasten: 0
Zeebrief / Turksche pas verzocht door: Vriesendorp & Gaade
Plaats: Den Haag
Opmerkingen: zeebrief
1900-06-23, uitreiking101/106-

Ship History Data

Date/Name Ship 1900-07-00 POOLZEE
Manager: L. Smit & Co.'s Sleepdienst N.V., Rotterdam, Zuid-Holland, Netherlands
Eigenaar: L. Smit & Co.'s Sleepdienst N.V., Rotterdam, Zuid-Holland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Rotterdam / Netherlands
Callsign: PQKR

Date/Name Ship 1932-11-00 MARIGO MATSAS
Manager: Loucas Matsas & Sons, Piraeus, Greece
Eigenaar: Loucas Matsas & Sons, Piraeus, Greece
Shareholder:
Homeport / Flag: Piraeus / Greece

Ship Events Data

1914-08-00: In augustus 1914 gevorderd voor dienst bij de onderzoekingsdienst van de Koninklijke Marine; in 1918 weer teruggeven.
1927-04-22: Op 22.04.1927 liggende te Maassluis voorzien van een nieuw brandmerk: 306 Z DORD 1927
1932-11-00: Ofschoon de naam van het schip in Lloyd's Registers van 1932 wordt geschreven als MARIGO MATSA is de naam in werkelijkheid MARIGO MATSAS (bron officieel Grieks registratiebewijs)
1941-04-23: De MARIGO MATSAS werd bij het uitbreken van de oorlog in Griekenland door de Griekse regering gevorderd. Liggend te Piræus werd zij op 23 april 1941 om 18.30 uur door Duitse vliegtuigen aangevallen. Een bom, die vlakbij neerviel, veroorzaakte scheuren in de MARIGO MATSAS en het schip zonk op haar ankerplaats. Van de 21 man bemanning van de MARIGO MATSAS werden twee personen gewond. In oktober 1941 werd het schip door de Duitsers gelicht en na herstel in dienst gesteld.
1946-00-00: Final Fate:
Het wrak werd in 1946 gelicht en gesloopt.

Afbeeldingen


Omschrijving: Waarschijnlijk een proeftocht-foto van de POOLZEE
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving:
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: De MARIGO MATSAS als wrak te Piraeus in 1941.
Gemaakt door: Unknown
Algemene informatie

NRC 150311

De Raad voor de Scheepvaart heeft uitspraak gedaan in de zaak van het voor afbraak door het Franse gouvernement aan de scheepssloperij Holland te Hendrik-Ido-Ambacht verkochte oude Franse oorlogsschip RICHELIEU.
L. Smit on Co.'s Sleepdienst te Rotterdam had met bovengenoemde scheepssloperij gecontracteerd om het afgetakelde schip te slepen van Toulon naar Hendrik-Ido-Ambacht, en dit opgedragen aan de kapitein Koenes, gezagvoerder van de sleepboot ROODE ZEE.
In de Golf van Biscaye, op 130 mijlen afstand van Puissant, is de RICHELIEU losgeraakt bij slecht weer, en enige weken drijvende gebleven. Zij werd door de ZWARTE ZEE en de POOLZEE, sleepboten van L. Smit en Co., bij Kaap Lizzard gevonden zonder bemanning; deze had het schip verlaten en was opgenomen door het Engelse stoomschip ARTIST.
In zijn uitspraak constateert de Raad, dat aan de uitrusting van de RICHELIEU veel ontbroken heeft. De omstandigheden waaronder de bemanning verkeerde (zij was zonder proviand) waren voldoende aanleiding om het schip te verlaten. Het had door twee sleepboten gesleept moeten worden, en zó uitgerust moeten zijn dat het de voorgeschreven seinen had kunnen geven, ook  toen het verband met de sleepboot verbroken was. Verder had er een reddingboot aan boord moeten zijn.
De RICHELIEU heeft geruimen tijd  groot gevaar voor de scheepvaart opgeleverd, en de opvarenden zijn in levensgevaar geweest. De gezagvoerder van de ROODE ZEE kan echter geen verwijt treffen, aangezien hij pogingen heeft aangewend om de RICHELIEU zoveel mogelijk zeeklaar te maken. De toestand van de sleep mocht voor hem geen aanleiding zijn om niet te vertrekken. Bij de wet worden de gezagvoerders van sleepboten niet uitdrukkelijk verantwoordelijk gesteld voor de schepen welke zij over zee slepen, en voor de veiligheid van de runners. Het is echter wenselijk, dat de wetgever vaststelt bij wie de verantwoordelijkheid berust voor schepen, welker nationaliteit moeilijk te bepalen is, maar die veelal met Nederlanders bemand zijn. Waarborgen zijn in dezen zeer noodzakelijk; ongewenst is het echter voor de vaderlandse sleepvaart dat er buitenlandse certificaten van zeewaardigheid worden gegeven. Als de verantwoordelijkheid van de gezagvoerders van de sleepboten wordt vastgesteld, zal hierdoor aanzienlijke verbetering in een slecht geregelde toestand komen.