Inloggen
POOLSTER - ID 5228

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1902
Nat. Official Number: 5972 GRON 1902
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Sailing Vessel
Type: Koff-tjalk
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Fa. Gebrs. E. & M. Coops, Hoogezand, Groningen, Netherlands
Delivery Date: 1902-10-00
Technical Data

Gross Tonnage: 96.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 74.95 Net tonnage
Deadweight: 150.00 tonnes deadweight (1000 kg)
 
Length 2: 24.90 Meters Registered
Beam: 5.35 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.10 Meters Depth, moulded
Ship History Data

Date/Name Ship 1902-10-07 POOLSTER
Manager: Berend Jans Jonker, Wildervank, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Berend Jans Jonker, Wildervank, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Wildervank / Netherlands
Callsign: PQKN

Date/Name Ship 1902-10-17 POOLSTER
Manager: Jan Jonker, Wildervank, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Jan Jonker, Wildervank, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Wildervank / Netherlands
Callsign: PQKN
Additional info: Overdracht van vader aan zoon voor Hfl. 100,--

Date/Name Ship 1920-04-19 POOLSTER
Manager: Johannes Sabe Hendrik Wassenaar, Rotterdam, Zuid-Holland, Netherlands
Eigenaar: Johannes Sabe Hendrik Wassenaar, Rotterdam, Zuid-Holland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Rotterdam / Netherlands
Callsign: PQKN
Additional info: Aankoopprijs Hfl. 16.700,--

Date/Name Ship 1920-06-25 POOLSTER
Manager: Geert Pieter de Vries, Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Geert Pieter de Vries, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PQKN
Additional info: Aankoopprijs Hfl. 21.000,--

Ship Events Data

1902-10-07: Dagregister deel 15, nummer 640, den zevenden October 1900twee. De ondergeteekende Berend Jans Jonker, wonende te Wildervank, verklaart dat hij is de eenige eigenaar van het te Hoogezand, op de werf van Gebroeders E. en M. Coops, nieuw gebouwde en aldaar liggende stalen koftjalkschip genaamd “Poolster”netto groot blijkens meetbrief afgegeven den ersten October negentien honderd en twee door den scheepsmeter Pieters te Hoogezand, tweehonderd twaalf en vier en dertig honderdste (212.34) kubieke meter of vier en zeventig en vijf en negenig honderdste (74.95) tonnen van 2.83 kubieke meter, welk schip nooit of te nimmer aan eenig kantoor is te boek gesteld. Hoogezand, den vierden October 1902. E.g. Berend Jans Jonker. In de kantlijn staat bijgeschreven 5972.
1923-00-00: In 1923 gestrand en wrak geslagen bij Lökö in de Bothnische Golf.
1923-10-12: NRC 12-10-1923: Raad voor de Scheepvaart. De Raad voor de Scheepvaart heeft gisteren behandeld de stranding en het dientengevolge wrak slaan nabij Lökö, in de Baltische Golf van de kof tjalk POOLSTER, een stalen tweemaster, in 1902 te Hoogezand gebouwd en goedgekeurd voor de groote kustvaart. De schipper/eigenaar was de heer Y. P. de Vries (m.z. G.P. de Vries), is het bezit van diploma kleine zeilvaart. Bij volgeladen schip was de diepgang 2 M 12 cM. Het schip, aldus verklaarde de schipper, was voorzien van een certificaat van deugdelijkheid voor 1923 en had vier man bemanning, waarbij in begrepen de vrouw van den schipper die op de monsterrol stond. Op den dag van het ongeluk was de diepgang 2 meter 8 c.M. De wind was toegenomen en de zee werd hooger, zoodat men eerst de kleine zeilen borg daarna de groote zeilen reefde en tenslotte geheel streek. De wind was Zuid West. Men stuurde Noord Oost ten Oosten en had alleen nog maar de gereefde bezaan en stagfok. 's Avonds om elf uur, toen men had besloten rond te halsen — men keek uit naar het vuur van Enskar — liep men op de rotsen. Land had men niet gezien. Het schip stootte driemaal en zat toen vast. 's Morgens zwom de stuurman met een touw naar het verlaten rotseilandje, waarbij men gestrand was. Éérst werden de vrouw en het kind van 3 1/2 jaar aan wal gebracht, langs de lijn, met touwen onder de armen gebonden, daarna volgden de anderen. Het schip was niet meer te redden. Bergers uit Nijestadt borgen het tuig en de lading. Wat er verder van het schip werd weet de kapitein niet. De kapitein verklaart nog dat het schip acht streken drift bad. De volgende getuige, broer van den schipper, zegt dat het niet meer dan vier of vijf streek was. De inspecteur van de scheepvaart is van meening, dat de schipper bod kunnen rekenen, dat zijn ware bestek voorlijker was dan bij dacht. De inspecteur gelooft niet dat bij de kaart voldoende geraadpleegd heeft. Ook had de schipper overdag het lood moeten gebruiken om tenminste eenigermate de plaats te kunnen bepalen. De schipper is te lang over bakboord blijven liggen en had eerder moeten halsen. Dat was een bewijs van te weinig zeemansschap. De inspecteur vraagt daarom den schipper een terechtwijzing toe te dienen. De Raad zal later uitspraak doen.