Inloggen
MAARTJE - ID 3843

In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1932
Classification Register: Lloyd's Register of Shipping (LR)
IMO nummer: 5346435
Nat. Official Number: 5294 Z ROTT 1932
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo
Type Dek: Flush deck
Masten: One mast
Rig: 2 derricks, 2 winches.
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: N.V. Werf 'Vooruit', Enkhuizen, Noord-Holland, Netherlands
Werfnummer: 279
Launch Date: 1932-02-00
Delivery Date: 1932-04-00
Technical Data

Engine Manufacturer: Humboldt-Deutz Motoren A.G., Cologne (Köln), Germany
Motor Type: Motor, Oil, 4-stroke single-acting
Number of Cylinders: 4
Power: 200
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Deutz Type SYMY145 (280x450).
Speed in knots: 8
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 348.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 234.00 Net tonnage
Deadweight: 400.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 22800 Cubic Feet
Bale: 22126 Cubic Feet
 
Length 1: 42.98 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 40.01 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 7.50 Meters Breadth, moulded
Depth: 3.00 Meters Depth, moulded
Draught: 2.75 Meters Draught, maximum
Configuration Changes

Datum 00-00-1995
Type: Remeasurement
Omschrijving: In 1995 tonnage: GT 357 Nrt 227 Dwt 385.

Ship History Data

Date/Name Ship 1932-04-15 MAARTJE
Manager: Adrianus Goumare, Middelharnis, Zuid-Holland, Netherlands
Eigenaar: Adrianus Goumare, Middelharnis, Zuid-Holland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Middelharnis / Netherlands
Callsign: PJSG
Additional info: Callsign 1934: PFQD

Date/Name Ship 1962-04-10 SVANVIK
Manager: O/Y Lars Krogius A/B, Borgå, Finland
Eigenaar: Paul Lindqvist & Co., Borgå, Finland
Shareholder:
Homeport / Flag: Borgå / Finland
Callsign: OGGD

Date/Name Ship 1969-00-00 SVANVIK
Manager: Ragnar Vilhelm Granqvist, Borgå, Finland
Eigenaar: Ragnar Vilhelm Granqvist, Borgå, Finland
Shareholder:
Homeport / Flag: Borgå / Finland
Callsign: OGGD

Date/Name Ship 1988-00-00 SVANVIK
Manager: Guy Granqvist, Borgå, Finland
Eigenaar: Guy Granqvist, Borgå, Finland
Shareholder:
Homeport / Flag: Borgå / Finland
Callsign: OGGD
Additional info: 1998 homeport: Helsinki

Date/Name Ship 2001-09-00 COCKERI
Manager: Dalmer Ltd., Takoradi, Ghana (Gold Coast)
Eigenaar: Dalmer Ltd., Takoradi, Ghana (Gold Coast)
Shareholder:
Homeport / Flag: Takoradi / Ghana (Gold Coast)

Date/Name Ship 2002-09-00 SVANVIK
Manager: Cameroon
Eigenaar: Cameroon
Shareholder:
Homeport / Flag: Douala / Cameroon

Ship Events Data

1932-02-19: Algemeen Handelsblad 19-02-1932: Scheepsbouw. Te Enkhuizen is van de werf „Vooruit" met gunstig gevolg te water gelaten het motorvrachtschip „MAARTJE", gebouwd voor rekening van den heer A. Goumare te Middelharnis. De hoofdafmetingen zijn: lengte (o.a.) 43 m, breedte 7.50 m, holte 3 m. Het draagvermogen is 400 ton, inhoud 350 br. reg. ton. De motorinstallatie bestaat uit een 200—240 P.K. „Deutz" Dieselmotor. Het geheel wordt gebouwd onder klasse Lloyds 100 AI en Scheepvaart-inspectie.
1932-04-18: Ze wordt op 18-04-1932, liggende te Enkhuizen, door S. de Jong, scheepsmeter te Amsterdam ten verzoeke van Adrianus Goumare, scheepskapitein te Middelharnis, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 5294 Z ROTT 1932 op voorkant kampanje midscheeps op het achterschip.
1940-04-15: De courant Het nieuws van den dag 15-04-1940; Motordrijver in rook gestikt. Bij scheepsbrand te Rotterdam. Kapitein van de “MAARTJE” en drie andere opvarenden konden zich nog in veiligheid brengen. Brandweer had zwaare taak. Rotterdam, 14 April, In het 348 bruto register ton metende Nederlandsche motorkustvaartuig “Maartje”, kapitein-eigenaar A. Goumare te Rotterdam, liggende aan de kade van de N.V. Thomsen's Havenbedrijf in de Maashaven, is Zondagmorgen om vier uur een felle brand uitgebroken, met het noodlottige gevolg, dat een der opvarenden, de 41-jarige motordrijver Kuiper uit Apeldoorn, die zich niet snel genoeg meer in veiligheid kon stellen, om het leven gekomen is. Na anderhalf uur onder zeer moeilijke omstandigheden met rook-en zuurstofmaskers te hebben gewerkt, slaagden de brandweerlieden er in, het vuur te bedwingen en eerst toen vond men, in het nauwe gangetje naast het logies, het lijk van den motordrijver. Het bleek, dat de ongelukkige in den rook was gestikt, waarna zijn kleeren hadden vlam gevat. De “Maartje”, een robuste kustvaarder, was op 10 April, komende van de Noordzee de Rotterdamsche haven binnen geloopen. Het schip nam ligplaats langs de uitgestrekte terreinen van Thomsen's Havenbedrijf aan de Noordzijde van de Maashaven, om hier ijzer de laden. Zaterdagavond was het schip echter nog leeg. Het lag hoog op het water, doch nadat kapitein Goumare, motordrijver Kuiper en drie andere leden der bemanning zich ter ruste begeven, was er niets bijzonders aan het schip te bespeuren. Midden in den nacht (het was nog donker) werd de aandacht van den portier van de N.V. Thomsen getrokken door een sterke brandlucht. Toen bleek, dat er met de “Maartje” iets niet in orde was, belde hij onmiddellijk de brandweer op. Het alarm bracht een drijvende stoomspuit van den havendienst, een vaartuig van de rivierpolitie, drie slangenwagens en twee motorreservewagens met reddingsmiddelen en zuurstofmaskers naar de Maashaven. Uit de “Maartje” stegen verstikkende rookwolken omhoog en slechts door overhaast de vlucht te nemen hadden kapitein Goumare en de drie andere mannen zich in veiligheid weten te stellen. Kuiper vermist. Al spoedig bleek, dat Kuiper vermist werd en bij het vernemen van die tijding stelden de brand-weerlieden, onder leiding van hun opzichter J.W. Mallan, wanhopige pogingen in het werk, om tot het brandende logies door te dringen. Ondanks de duisternis, de zware rookwolken en de groote hitte wisten de mannen, gewapend met zuurstofhelmen en schijnwerpers, zich aan de achterzijde toegang tot het schip te verschaffen, doch slechts voetje voor voetje konden zij, al tastend en struikelend, verder komen. Met de straalpijpen in de hand kropen de brandweerlieden door den salon en de daarop aansluitende nauwe gangen, die toegang gaven tot de dwarsgang onder de stuurhut, waar zich het brandende logies bevond. Drie slangen werden aangesloten op de brandkranen buiten het terrein en over de omheining langs enkele kolen opslagplaatsen naar het schip geleid. De drijvende stoomspuit kwam langzij, doch zij behoefde geen dienst te doen. Onder leiding van hoofdman W.A. Keeman werden groote hoeveelheden water in de “Maartje” geworpen, met het gevolg, dat het schip na eenigen tijd slagzij naar stuurboord begon te maken. Inmiddels was men er in geslaagd tot den vuurhaard door te dringen. De vlammen hadden zich intusschen echter een uitweg naar boven gezocht, met het gevolg, dat ook de commandobrug en een reddingboot weldra in lichterlaaie stonden. Toen de rook eindelijk wat minder werd, deed men een vreeselijke ontdekking. In de dwarsgang naast het logies lag, in het licht van een schijnwerper, het lichaam van den vermiste. Uit de houding maakte men op, dat het slachtoffer nog getracht heeft het schip te verlaten. Na enkele stappen in de gang moet de rook hem echter bevangen hebben, waarna de man bewusteloos is neergevallen. Het lichaam lag vlak naast de plek, waar het water van een der straalpijpen neerkwam en daardoor is het te verklaren, dat het slechts weinig brandwonden vertoonde, al bleek wel, dat de kleeren reeds hadden vlamgevat. Er werd een ambulance-auto van den G.G.D. ontboden, waarmede het stoffelijk overschot naar een der ziekenhuizen werd overgebracht. Korten tijd later was het vuur grootendeels bedwongen. Wel laaide het nog eenmaal fel op, toen de brandweerlieden zich met bijlslagen toegang tot de stuurhut verschaften., maar gevaar voor uitbreiding bestond niet meer, zoodat de stoomspuit om zes uur kon inrukken. Zeer groote schade. De schade op de “Maartje” is zeer groot. Het geheele interieur van het schip, benevens de brug, is in een walmende, zwarte ruïne herschapen. De commandobrug toont slechts een verwrongen massa zwartgeblakerd en verkoold hout en ijzer. De navigatie-instrumenten zijn eveneens geheel vernield. Omtrent de oorzaak tast men volkomen in het duister. Wel staat vast, dat het vuur in het logies moet zijn ontstaan. Groot was de verslagenheid onder de andere leden van de bemanning.
1941-10-00: E-mail d.d. 08-06-2017 van Flemming Steen Sørensen: In 1940 - 1945 my hometown Aarhus was occupied by the germans, and the “Krigsmarine” had a big precens in our town, and the harbor area. In the period october 1941 - april 1944 the “”Maartje” was “visiting” the harbor (mostly dock 109) for long periodes, and was “working” for the german marine. The "dock 109" mm, was by the germans a very secured area, very next to the company “Aarhus Oliefabrik".This is from my notes…. (in danish): Fra ”Protokol for Skibenes anlægspladser”...Skibet har tilsyneladende haft sin faste plads her ved Slippen under krigen, og kun få gange været ude af protokollen – formentlig på rejser for tyskerne. 20. Oktober 1941 er skibet anført 1. Gang og 27. Oktober 1941 afsejler det atter. Herefter har jeg noteret flg. perioder i Aarhus havn, for det meste altid på hjørnet ved Oliefabrikkens silo ved kaj 109 (eller 107 ind imellem kortvarigt): Ankomst 23. Jan 1942, afsejlet 13. April 1942. Ankomst 25. Sept. 1942, afsejlet17. August 1943. Ankomst 8. Oktober 1943, afsejlet 23. Nov. 1943. Ankomst 3. Jan 1944, afsejlet 14. Marts 1944. Ankomst 17. April 1944 og afsejlet sidste gang 27. April 1944.
1957-12-22: Uitspraak Raad voor de Scheepvaart naar aanleiding van het aan de grond lopen van het m.s. Maartje op de rug van Baarland in de Westerschelde op 22 december 1957.. Het schip was leeg op van Newcastle naar Antwerpen. Om 13.20 uur werd bij Vlissingen van loods verwisseld. Het was goed weer met goed zicht. De kapitein was tot Borssele op de brug geweest maar ging toen naar zijn hut om de papieren voor Antwerpen in orde te maken. Er liep vloedstroom en om sneller te kunnen lopen werd de achterpiek leeggepompt. Op gegeven moment zag men vooruit aan stuurboord een snelvarend binnenschip uit de Pas van Terneuzen het Gat van Ossenisse binnenvaren. Dit schip hield niet goed zijn stuurboord wal. Tegelijkertijd zag men aan bakboord een langzaam varend binnenschip uit het Gat van Ossenisse komen. Er stond een zeer sterke vloedstroom. Het snelvarende binnenschip sneed voor de Maartje de toegang naar het Gat van Ossenisse af doordat het binnenschip aan de verkeerde kant voer. De loods durfde niet tussen beide binnenschepen door te varen en voelde zich gedwongen naar bakboord uit te wijken om een aanvaring te vermijden. De Maartje kwam hierdoor aan de buitenkant van boei nr 2 van het Gat van Ossenisse. Te 14.30 uur liep de Maartje vast op de Rug van Baarland. Op 23 december om 03.25 uur kwam het schip met behulp van de sleepboten Schelde en Holland vlot. Het schip bleek geen water te maken en mocht door varen naar Antwerpen. Oordeel van de Raad is dat het verkeerd was van de kapitein om de brug te verlaten zonder dat hij zich liet vervangen door de stuurman. Hij had zeker op de brug moeten zijn bij het oversteken van het grootscheeps vaarwater vanuit de Everingen naar het Gat van Ossenisse. De stranding moet dan ook geweten worden aan een navigatiefout van de loods. Maar de Raad acht ook kapitein A. Jorna schuldig maar beslist hem niet te straffen. Gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant op 26 oktober 1959
1961-07-14: 14-07-1961: IJmuiden. De 348 ton metende Nederlandse kustvaarder MAARTJE van de rederij A. Goumare te Hellevoetsluis, heeft omstreeks twaalf uur gisternacht bij de zuidkust van Ierland om assistentie gevraagd. De kustvaarder meldde dat zij op ongeveer vijf mijl ten zuidzuidwesten van Waterford een defect aan de motor heeft opgelopen. Het schip vroeg in verband met de slechte weersomstandigheden om sleepbootassistentie. De machinekamer van de Nederlandse kustvaarder bleek onder water te zijn gelopen. Het schip dreef langzaam in de richting van de kust. De radio-ontvanger van het schip was buiten werking. De kustvaarder heeft omstreeks half drie gistermiddag gemeld dat het defect aan de motor was verholpen. Het seinde geen verdere hulp meer nodig te hebben.
1961-11-20: Het schip gaat op 20.11.1961 over op Maartje Dijk, part. te Hellevoetsluis, weduwe van Adrianus Goumare.
1968-05-00: Classed LR until 5/68.
1990-00-00: In 199? is het dek verhoogd.
2001-03-00: In 03.2001 lag het schip in Bata, Equatorial Guinee.
2003-12-01: Volgens andere berichten zou op 01-12-2003 de SVANVIK eerst weer onder de vlag Zweden zijn gebracht en op 26-07-2004 onder de vlag van Kameroen.
2008-00-00: Final Fate:
In 2008 omgeslagen en gezonken in de haven van Douala, Kameroen.

Afbeeldingen


Omschrijving: De 'Maartje' voor de verbouwing.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Maartje 1932
Gemaakt door: Duncan, Alex

Omschrijving: Maartje (bj 1932)
Gemaakt door: World Ship Photo Library

Omschrijving: Maartje 1932
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: Maartje 1932
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Svanvik 1932 ex Maartje.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Svanvik 1932 homeport Douala-Cameroon ex Maartje.
Gemaakt door: Grard, R. (Roland)

Omschrijving: Svanvik 1932 homeport Douala-Cameroon ex Maartje.
Gemaakt door: Grard, R. (Roland)

Omschrijving: Svanvik 1932 homeport Douala-Cameroon ex Maartje.
Gemaakt door: Grard, R. (Roland)

Omschrijving: Svanvik 1932 ex Maartje at Duala 2008.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Svanvik 1932 ex Maartje at Duala 2008.
Gemaakt door: Unknown