Inloggen
GLORY - ID 2513


In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:0000-00-00 / 0000-00-00

Identification Data

Bouwjaar: 1939
Classification Register: Lloyd's Register of Shipping (LR)
IMO nummer: 5132523
Nat. Official Number: 1889 Z GRON 1939
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Motor Vessel
Type: General Cargo schip
Type Dek: Raised quarter deck
Masten: One mast
Rig: 2 derricks
Material Hull: Steel
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Bodewes Scheepswerven N.V., Martenshoek, Groningen, Netherlands
Werfnummer: 303
Launch Date: 1938-12-15
Delivery Date: 1939-02-15
Technical Data

Engine Manufacturer: N.V. Machinefabriek 'Bolnes' v/h J.H. van Cappellen, Bolnes, Zuid-Holland, Netherlands
Motor Type: Motor, Oil, 2-stroke single-acting
Number of Cylinders: 4
Power: 195
Power Unit: BHP (APK, RPK)
Eng. additional info: Bolnes nr. 914 Type (270x370)
Speed in knots: 8.50
Number of screws: 1
 
Gross Tonnage: 323.00 Gross tonnage
Net Tonnage: 148.00 Net tonnage
Deadweight: 380.00 tonnes deadweight (1000 kg)
Grain: 20000 Cubic Feet
Bale: 18900 Cubic Feet
 
Length 1: 42.06 Meters Length overall (Loa)
Length 2: 38.85 Meters Length between perpendiculars (Lbp)
Beam: 7.36 Meters Breadth, moulded
Depth: 2.84 Meters Depth, moulded
Draught: 2.84 Meters Draught, summer
Ship History Data

Date/Name Ship 1939-02-02 GLORY
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf Gruno, Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Klaas Veenma, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PEJI

Date/Name Ship 1952-00-00 GLORY
Manager: N.V. Scheepvaartbedrijf 'Holland-Coasting', Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Klaas Veenma, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PEJI

Date/Name Ship 1957-00-00 GLORY
Manager: N.V. Wijnne & Barends' Cargadoors- en Agentuurkantoren, Delfzijl, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Klaas Veenma, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PEJI

Date/Name Ship 1959-11-01 GLORY
Manager: N.V. Wijnne & Barends' Cargadoors- en Agentuurkantoren, Delfzijl, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Erven Klaas Veenma, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands
Callsign: PEJI

Date/Name Ship 1968-12-30 KARIN
Manager: Compañía de Navegación Estrellita del Sud S.A., Mogadishu, Somali Republic
Eigenaar: Compañía de Navegación Estrellita del Sud S.A., Mogadishu, Somali Republic
Shareholder:
Homeport / Flag: Mogadishu / Somali Republic
Callsign: 6ODH

Date/Name Ship 1972-00-00 MARIN
Manager: Jesus de Labra y Hermanos S.R.C., Vigo, Spain
Eigenaar: Jesus de Labra y Hermanos S.R.C., Vigo, Spain
Shareholder:
Homeport / Flag: Vigo / Spain
Callsign: EAEZ

Ship Events Data

1938-12-16: NVHn 16-12-1938: Martenshoek. Bij Bodewes' Scheepswerven is met goed gevolg te water gelaten het motorkustschip „GLORY", groot ca. 370 ton. voor rekening van kapitein KL. Veenma te Groningen. Het schip wordt gebouwd onder klasse British Corporation en Scheepvaartinspectie en wordt voorzien van een Bolnes-Dieselmotor.
1939-02-03: Op 03-02-1939 als GLORY, zijnde een motorvrachtschip, groot 917.69 m3 bruto inhoud volgens meetbrief 's Gravenhage d.d. 31-01-1939 no. 5883, liggende te Martenshoek, door A. Kraaijema, scheepsmeter te Groningen, van haar brandmerk voorzien door het inbeitelen van 1889 Z GRON 1939 op het achterschip aan B.B. zijde in achterkant kombuis op verhoogd achterdek.
1939-02-16: NvhN 16-02-1939: Delfzijl. Op de Eems vond de goed geslaagde proefvaart plaats van het nieuwe m.s. GLORY. Dit schip werd gebouwd onder klasse British Corporation en Scheepvaart-Inspectie, groote kustvaart bij Bodewes' Scheepswerven te Martenshoek voor rekening van kapt. K. Veenma. te Groningen. Het schip heeft een dubbele bodem, waardoor de ballastcapaciteit ca. 100 ton bedraagt en het is van het raised-quarter dek type. Het heeft een stalen mast, welke midscheeps geplaatst is en twee stalen laadboomen voor lasten van twee ton. Bij elke laadboom is een motorlier geplaatst, die door een Deutz-motor van 8 P.K. aangedreven wordt. Het hijschgerei is geleverd met een certificaat van de Inspectie van Havenarbeid. De ankerlier wordt aangedreven door een Deutzmotor van 8 P.K. Het schip heeft de volgende afmetingen, lengte over de loodlijnen 38 M. breedte op het spant 7.30 M. en holte tot het vrijboorddek 2.85 M. tot het verhoogde dek 3.85 M. Het D W bedraagt 395 ton. Het heeft een bruto inhoud van 283 Reg. ton en een netto inhoud van 147 Reg ton. Voor de voortstuwing is in de motorkamer een 4 cylinder Bolnes Diesel-motor geplaatst met een vermogen van 195 P.K., waarmede het schip in ballasttoestand een snelheid van ruim 9 mijl behaalde. Als hulpmotor voor het aandrijven van de pompen en de dynamo is hier verder nog een Deutz-motor van 8 P.K. geplaatst.
1940-05-16: Ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Co. te Londen. 9 Juni 1941 ongeveer 7 mijl van Scarborough Castle aangevallen door een Duits vliegtuig en beschadigd. Daarna naar Newcastle gesleept en gerepareerd. Was in de oorlog in Engeland met nog vijf andere Nederlandse coasters (de 'Birmingham', 'Bornrif', 'Kaap Falga','Narwal' en 'Virgo') ingericht als drijvende graanelevator. De door de Engelse machinefabriek Henry Simon Ltd., te Cheadby Heath, bij Manchester, geleverde installatie was zodanig in het ruim opgesteld dat het graan zonodig in een hoogliggend zeeschip kon worden overgeladen. Deze varende elevatoren waren daarbij volkomen zeewaardig en konden op eigen kracht naar verschillende losplaatsen varen. De installatie aan boord van de 'Birmingham' en de 'Virgo' hadden een capasiteit van 240 ton per uur. De andere vier een capasiteit van 100 tot 120 ton per uur. 1 Juni 1945 terug aan de eigenaar en in augustus 1945 te Hull weer verbouwd tot vrachtschip.
1941-06-09: 1941: On a voyage from Norwich to the River Tyne with scrap, attacked by German aircraft on 9.6.1941, about 7 miles ENE of Scarborough Castle. The engine was put out of action, but the crew of seven and two gunners suffered no casualties. GLORY was towed into Scarborough by a tug on the following day, thence towed to Newcastle, arriving on 14.6.1941.
1947-01-30: Bijvoegsel tot de Nederlandse Staatscourant van Woensdag 10 December 1947, no. 239. No.138. Uitspraak van de Raad voor de Scheepvaart in zake het aan de grond lopen van het motorschip „Glory" in de Wash-baai. Op 30 Januari 1947 is het motorschip „Glory", toen het op weg was van Antwerpen naar Boston (Engeland), in de Wash-baai aan de grond gelopen en op eigen kracht weer vlotgekomen. In overeenstemming met het voorstel van de inspecteur-generaal voor de scheepvaart besliste een commissie uit de Raad voor de Scheepvaart, als bedoeld bij artikel 29 der Schepenwet, dat de Raad een onderzoek zou instellen naar de oorzaak van dit aan de grond lopen. Het-onderzoek heeft plaats gevonden ter zitting van 3 October 1947, in tegenwoordigheid van de inspecteur voor de scheepvaart J - H. Th. Eerman. De Raad nam kennis van de stukken van het voorlopig onderzoek der Scheepvaartinspectie en hoorde als getuigen onder ede K. Veenma, kapitein, en A. Karssies, stuurman van de „Glory". Uit de verklaringen en bescheiden is de Raad het volgende gebleken: Dg „Glory" is een Nederlands motorschip van 323 brutoregisterton en behoort toe aan de kapitein, getuige Veenma. Het schip wordt voortbewogen door een 4-cylinder Bolnes-motor van 195 pk. Op 28 Januari 1947 vertrok de „Glory" met een volle lading Pnosphaat van Antwerpen naar Boston (Engeland). De diepgang was bij vertrek vóór 9'2", achter 9'5". De reis verliep aanvankelijk goed. Op 30 Januari werd te 3.55 uur de N. E. Docking-boei gepasseerd en koers gesteld op Boston Well-boei, een koers, die tevens recht op Roaring Middle-vuurschip aan liep. Te 4 uur nam de stuurman de wacht over, waarna de kapitein naar beneden ging. Bij het overgeven der wacht werd een groot-bestekkaart van de Wash-baai geraadpleegd, een kaart, waarop het karakter van vuren stond aangegeven. Over de Lynn Knock-boei, die elke seconde één schittering geeft, is niet gesproken, maar wel over de Boston Well-boei, die elke 10 seconden één schittering geeft, en over het vuurschip „Roaring Middle". De kapitein heeft order gegeven hem te roepen, indien Boston Well-boei of het vuurschip niet tijdig in zicht zou komen. De stuurman zou ook na het passeren van de Well-boei zo nodig koers moeten wijzigen tot recht op Roaring Middle" aan. Het was mooi stil weer met een beetje wazige kim. Te 5.50 uur passeerde de stuurman een boei aan stuurboord. Bij het vaststellen van het karakter maakte hij door te tellen op, dat deze boei eens per 8a 9 seconden één schittering gaf, zodat hij, hoewel hij twijfelde, tot de conclusie kwam, dat het de Well-boei moest zijn. Hij behield dezelfde koers, maar toen hij na ruim een kwartier Roaring Middle-vuurschip niet zag, werd zijn twijfel versterkt en zette hij de motor uit zijn werk en besloot te loden. Hij waarschuwde de kapitein niet, maar deze kwam direct op de brug toen hij hoorde, dat de schroef niet meer draaide. Toen de vaart merkbaar was afgenomen, wierp de stuurman het lood, maar hij had nog niet de diepte, die daarna bleek slechts 1 ½ vadem te zijn, afgelezen, of het schip liep te 6.35 uur aan de grond. De kapitein zette onmiddellijk de motor op volle kracht achteruit en na 20 minuten kwam het schip te 6.55 uur vlot, waarna het in diep water ten anker werd gebracht. Bij dag worden bleek het schip te liggen dicht bij de Boston Well-boei en werd het Roaring Middle-vuurschip gezien. Het schip moet zijn vastgelopen op de N.O.-hoek van Long Sand. Zowel de Well-boei als het lichtschip hebben niet gebrand. De boei, die de stuurman heeft gezien, moet de Lynn Knock-boei zijn geweest, en dan is het mogelijk, dat het karakter van deze boei anders is geweest dan in de kaart aangegeven, met het gevolg, dat de stuurman haar voor de Well-boei heeft gehouden. De vaart van de ,;Glory" was 8 mijl, terwijl zij na het ronden van de N. E. Docking-boei 1 mijl stroom per uur tegen had. De stuurman zegt, dat goed is gestuurd en schrijft de westelijke wegzetting toe aan overscheren door de stroom. Het was bekend, dat Roaring Middle-vuurschip slechts een klein onbewaakt schuitje is. Het schip bleek geen water te maken, is te 9 uur ankerop gegaan en lag te 11 uur gemeerd te Boston. De inspecteur voor de scheepvaart voert aan, dat door de kapitein slordig is genavigeerd. Hij heeft geen order gegeven hem te roepen vóór aankomst en vond goed, dat de stuurman het schip door dit nauwe moeilijke vaarwater langs de Well-boei tot bij Roaring Middle-vuurschip zou brengen. Dit is een tekortkoming. De stuurman heeft een boei gezien en nam aan, dat dit de goede was, doch weifelde. Toch liet hij na de kapitein te waarschuwen. Hierdoor is het ongeval veroorzaakt. Verder blijkt het journaal onjuist en onvoldoende te zijn ingevuld. Uit dit alles blijkt, dat de kapitein zijn schip niet voldoende leidt. Het oordeel van de Raad luidt als volgt: Het motorschip „Glory" is, nadat de stuurman de wacht had overgenomen, de Wash-baai ingevaren bij ebtij en met een snelheid van omstreeks 8 mijl per uur door het water. Een lichtboei werd gepasseerd en daarna is het schip op de N.O.-hoek van Long Sand gestrand. Deze boei kan niet anders dan de Lynn Knockboei zijn geweest, hetgeen de kapitein en de stuurman dan ook aannemen. De stuurman zegt, dat hij door aftellen heeft vastgesteld, dat de boei om de 8 a 9 seconden één schittering vertoonde. Deze waarneming kan niet goed worden verklaard, omdat de boei volgens de route-aanwijzingen één schitterlicht per seconde moest tonen, hetgeen een belangrijk verschil maakt; het is echter denkbaar, dat het karakter in werkelijkheid anders is geweest dan was aangegeven, hetgeen meer voorkomt. Op de handelingen van de stuurman heeft dit verschil echter geen invloed gehad, omdat hij de Lynn Knock-boei niet verwachtte en slechts gerekend had op de Boston Well-boei, die volgens zijn kaart een 10-seconden schitterlicht gaf. Met zijn waarneming kwam dat niet geheel overeen en hij heeft dan ook getwijfeld, maar desondanks verzuimd, de kapitein te waarschuwen of de vaart uit zijn schip te nemen en te loden. Daarentegen is hij nog ruim een kwartier doorgevaren; toen hij het Roaring Middlelichtschip nog niet waarnam, dat, naar hij verwachtte, zou branden, heeft hij de motor onbelast laten draaien. De kapitein heeft dat gehoord, is op de brug gekomen en heeft laten loden, doch nog voordat het resultaat was vastgesteld, liep het schip aan de grond. Deze stranding zou nog voorkomen zijn, indien de stuurman na het passeren van de boei eerder had bedacht, dat hij het lichtschip moest kunnen zien, indien dit, zoals hij verwachtte, brandde. Daartoe doet niet af, dat het lichtschip in werkelijkheid, naar achteraf bleek, niet gebrand heeft. Daarbij komt, dat de stuurman had kunnen bedenken, dat hij, tegen stroom varende, de Boston Well-boei nog niet bereikt kon hebben en ook rekening had moeten houden met de invloed van de stroom op de koers van het schip. De kapitein zou intussen juister hebben gehandeld, indien hij tegen de tijd, dat de lichtboei verwacht werd, uit eigen beweging op de brug was gekomen, in plaats van de stuurman slechts te instrueren hem te roepen, indien deze geen licht zag. Het journaal is slordig bijgehouden, in zoverre, dat daarin ten onrechte melding is gemaakt van een licht, dat met tussenpozen van een minuut scheen, dat de volgorde der gebeurtenissen daarin onnauwkeurig is opgenomen en dat de na de stranding genomen Peiling daarin niet is vermeld. r Sedaan door de heren prof. mr. J. Offerhaus, voorzitter, ■ H. Brouwer, lid, K. E. Dik en K. R. Bosma, buitengewone leden, n tegenwoordigheid van 's Raads secretaris mr. A. Boosman en gesproken door voornoemde voorzitter ter openbare zitting van de Raad van 28 October 1947. (Get.) J. Offerhaus; A. Boosman.
1947-04-12: Op 12 april 1947, onderweg van Delfzijl naar Oslo met een lading bestaande uit rollen asphaltpapier, slagzij gekregen en op 13 april 1947 binnengebracht te Mandal door de Noorse bergingsboot EK. (zie foto's en verslag RvdS.)
NvhN 14-04-1947: De „GLORY” in nood. Zaterdagavond ving de kustwacht te Bergen (Noorwegen) noodseinen op van de 323 brt. metende Groninger coaster „Glory" Ter hoogte van Lindesnes dreef het schip af. Een reddingsboot voer ter assistentie uit. Het schip maakte, tengevolge van het gaan schuiven van de lading teerpapier, zwaar slagzijde. De „Glory" werd naar Mandel gesleept en daar aan den grond gezet. De lading is inmiddels weer vast gezet en het schip heeft zijn reis naar Oslo vervolgd. De „Glory" had vijf man aan boord en is eigendom van de rederij K. Veenma te Groningen.
1948-05-16: NvhN 18-05-1948: Engels schip bij Borkum vergaan. Bemanning gered door de GLORY. Het 1100 ton metende Engelse stoomschip Polglen is Zaterdagmiddag ter hoogte van Borkum op een mijn gelopen een vergaan. De Polglen, gebouwd in 1915, behoorde aan de rederij William and Son te Liverpool. Het schip was met een lading mijnhout op weg van Hamburg naar Engeland. Het zal Zaterdagmiddag 6 uur zijn geweest, toen plotseling aan stuurboord ter hoogte van de machinekamer een hevige explosie weerklonk. Vermoedelijk is de Polglen op een mijn gelopen. Voor deze veronderstelling bestaat te meer grond, omdat het schip zich ongeveer 2 mijl buiten de route bevond. Daar het Engelse schip water maakte — het bleef nog twee uren drijven en verdween toen in de diepte — begaf de uit 14 koppen bestaande bemanning zich in de reddingsboot. De schipbreukelingen werden echter vrij spoedig opgemerkt door het te Groningen thuisbehorende m.s. Glory (kapitein Veenma), dat geladen met hout van Hernösand naar Zaandam voer. De Glory nam de bemanning van de Polglen aan boord en zette koers naar Delfzijl, waar de schipbreukelingen aan wal werden gezet. Het scheepsongeval is wonder goed afgelopen. Er zijn geen mensenlevens te betreuren, terwijl alleen de Engelse machinist aan een been werd gekwetst.
1952-12-15: Het Parool 15-12-1952: „Glory” bij Stockholm op de rotsen gelopen. (Van onze correspondent) Rotterdam, Maandag. — De Nederlandse coaster „Glory" is Zondag in de Stockholmerscheren op de rotsen gelopen Er staat een meter water in de ruimen. Een bergingsvaartuig zal het schip lichten zodra de deklast is verwijderd. Na een noodreparatie in de haven van de Zweedse hoofdstad zal de „Glory" naar Nederland terugkeren voor afdoende herstel.

Algemeen Dagblad 16-12-1952: De Glory maakt water. Stockholm. (Reuter.) De Nederlandse kustvaarder Glory, die Zondagavond in de buurt van Stockholm aan de grond is gelopen, werd Maandagochtend vlot gesleept. Het schip maakte water. Het zou naar Stockholm worden gesleept. De Glory vervoert hout van Sundsvall naar Antwerpen. Het schip meet 323 b.r.t. en is eigendom van K. Veenma in Groningen.

NvhN 16-12-1952: Kustvaartuig Glory strandde. Schip maakt water. Het 323 br. ton metende motorkustvaartuig Glory is Zondagavond tijdens een sneeuwstorm voor de Zweedse kust in de nabijheid van Stockholm aan de grond gelopen. Gistermorgen is men er in geslaagd het schip weer vlot te slepen. De Glory maakt water en wordt naar de Zweedse hoofdstad gesleept. Het vaartuig, dat eigendom is van de heer K. Veenma te Groningen en in beheer is bij het Scheepvaartbedrijf Gruno te Amsterdam, was met een lading hout onderweg van Sundsvall naar Antwerpen. De heer Veenma, die als kapitein voer, en de overigen van de opvarenden bleven geheel ongedeerd.
1956-11-30: NvhN 30-11-1956: Groninger kustvaarder aan de grond. En weer vlot. De kustvaarder Glory uit Groningen is gistermiddag op de Beneden-Elbe bij Cuxhaven aan de grond gelopen. Het schip, dat 323 ton meet en eigendom is van de heer K. Veenma te Groningen, is gisteravond op eigen kracht los gekomen en heeft zijn reis voortgezet. Persoonlijke ongelukken deden zich niet voor.

Overijsselsch dagblad 360-11-1956: Nederlands schip bij Cuxhaven aan de grond gelopen.
Cuxhaven: Op de Beneden-Elbe bij Cuxhaven is vanmiddag het 323 ton metende m.s. „Glory” uit Groningen, eigenaar de heer K. Veenma, aan de grond gelopen. Het schip maakt lichte slagzij. Drie sleepboten zijn ter assistentie uitgevaren.
1968-12-28: NvhN 28-12-1968: GLORY verkocht naar Panama. (Van een onzer correspondenten) Het in Groningen thuishorende motorkustvaartuig Glory is door de Erven K. Veenma te Groningen naar Panama verkocht. De Glory werd in 1939 gebouwd bij de Scheepswerf G. en H. Bodewes te Martenshoek en behoort tot 't raisedquarterdektype. Het schip heeft een draagvermogen van circa 380 ton bij 323 bruto register ton en is voorzien van een 195 pk Bolnes-dieselmotor.

Friese koerier 08-01-1969: Kustvaarder verkocht aan Panama. Groningen — De 360 dw ton metende kustvaarder Glory van Erven Veenma te Groningen is verkocht aan rederij Estrellita del Sur te Panama. De nieuwe naam wordt Karin. Het vaartuig is gebouwd in 1939 en is uitgerust met een 200 pk Bolnesmotor.
1969-00-00: Opgelegd in Alicante met motorproblemen.
1974-05-20: Classed BC until 20/5/74
1981-08-00: Gesloopt door Aguilar y Peres, Burriana, Spanje.

Afbeeldingen


Omschrijving: Uitspraak RvdS 28.10.1947
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Uitspraak RvdS 28.10.1947
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: De 'Glory' omstreeks eind 1939, begin 1940; duidelijk zichtbaar zijn de aangebrachte neutraliteitskenmerken.
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Glory 1939
Gemaakt door: Skyfotos Ltd.
Klik hier voor website fotograaf
Onderwerp: Luchtfoto

Omschrijving: een scan van een origineel negatief, in bezit van de heer Gerrit J. Schmaal
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: Glory 1939
Gemaakt door: World Ship Photo Library

Omschrijving: GLORY 1939, on 12th April 1947 listed near Mandal
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: 'Glory' listed near Mandal, April 12, 1947
Gemaakt door: Unknown

Omschrijving: 'Glory' listed near Mandal, April 12, 1947
Gemaakt door: Unknown
Algemene informatie

 

NNO 180548
Engels schip bij Borkum vergaan - Bemanning gered door de GLORY.
Het 1.100 ton metende Engelse stoomschip POLGLEN is zaterdagmiddag ter hoogte van Borkum op een mijn gelopen en vergaan. De POLGLEN, gebouwd in 1915, behoorde aan de rederij William and Son te Liverpool. Het schip was met een lading mijnhout op weg van Hamburg naar Engeland. Het zal zaterdagmiddag 6 uur zijn geweest, toen plotseling aan stuurboord ter hoogte van de machinekamer een hevige explosie weerklonk. Vermoedelijk is de POLGLEN op een mijn gelopen. Voor deze veronderstelling bestaat te meer grond, omdat het schip zich ongeveer 2 mijl buiten de route bevond.
Daar het Engelse schip water maakte - het bleef nog twee uren drijven en verdween toen in de diepte - begaf de uit 14 koppen bestaande bemanning zich in de reddingsboot. De schipbreukelingen werden echter vrij spoedig opgemerkt door het te Groningen thuis behorende motorschip GLORY (kapitein Veenma), dat geladen met hout van Hernösand naar Zaandam voer. De GLORY nam de bemanning van de POLGLEN aan boord en zette koers naar Delfzijl, waar de schipbreukelingen aan wal werden gezet. Het scheepsongeval is wonder goed afgelopen. Er zijn geen mensenlevens te betreuren, terwijl alleen de Engelse machinist aan een been werd gekwetst.