1886
Op 29-09-1886 wordt voor de HOLLANDIA door P.H. Craandijk uit Amsterdam een voorlopige zeebrief aangevraagd voor kapt.
NRC 230986
Aangekochte schepen. Het Engelse schip CAFFER (opm: volgens Lloyds KAFFIR), groot 400 ton, gebouwd in 1874, is te Londen aangekocht door de heren P.H. Craandijk & Zn. te Amsterdam. Het zal nu HOLLANDIA genaamd en bevaren worden door kapt. T. Guijt Czn.
1887
NRC 080487
Amsterdam, 7 april. Het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Guyt, is volgens particulier bericht bevracht met een lading tarwe in zakken van Santa Fé (Argentinië) naar het Engels Kanaal voor order.
1888
NRC 130588
Amsterdam, 12 mei. Volgens particulier bericht is het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Seinstra, 9 april van Buenos Aires naar Falmouth vertrokken.
NRC 160688
Amsterdam, 15 juni. Volgens van de rederij ontvangen bericht is het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Seinstra, heden van Buenos Aires te Falmouth aangekomen. Alles wel aan boord.
NRC 200688
Rotterdam, 19 juni. Volgens door ons uit Londen ontvangen telegram vertrok het schip SENIOR, kapt. Van Benten, van Cardiff naar Batavia, en het schip HOLLANDIA, kapt. Seinstra van Falmouth naar Duinkerken, beiden de 19e juni.
NRC 28061888
Amsterdam, 27 juni. Volgens bij de rederij ontvangen telegram is gisteravond te Duinkerken aangekomen het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Seinstra, van Santa Fé ( Argentinië) laatst van Buenos Aires.
Op 28-07-1888 wordt voor de HOLLANDIA door P.H. Craandijk uit Amsterdam een voorlopige zeebrief aangevraagd voor kapt.
NRC 140988
Rotterdam, 13 september. Volgens door ons uit Londen ontvangen telegram arriveerde het barkschip HOLLANDIA, kapt. Seinstra 13 september van Duinkerken te Cardiff.
NRC 021088
Rotterdam, 1 oktober. Volgens door ons uit Londen ontvangen telegram vertrok het Nederlandse schip DINA de 13e september van Barbados naar het Kanaal en het Nederlandse schip HOLLANDIA, kapt. Seinstra, de 1e oktober van Cardiff naar Santa Fé.
1889
NRC 280389
Buenos Ayres, 1 maart. Het Nederlandse barkschip HOLLANDIA, kapt. Seinstra, werd bevracht om te Empedrado (opm: plm. 470’ stroomopwaarts) wol te laden naar Het Kanaal voor orders, tegen Sh. 48/- per ton.
NRC 250789
Het schip HOLLANDIA, dat wegens ziekte van de kapitein te Pernambuco was binnengelopen, vertrok van daar naar Havre.
NRC 130889
Rotterdam, 12 augustus. Het barkschip HOLLANDIA arriveerde van Empedrado (Argentinië, stroomopwaarts rivier Parana) te Falmouth, bestemd naar Havre.
1890
NGRC 140190
Cardiff, 11 januari. In lading HOLLANDIA, Janssen naar Campana.
RN 040290
Cardiff, 1 februari. Uitgezeild HOLLANDIA, Jansen naar Campana.
RN 220490
Buenos Ayres, 20 april. Aangekomen HOLLANDIA, Jansen van Cardiff.
NGRC 200690
Campana, 24 april. Aangekomen HOLLANDIA, Jansen van Cardiff.
NVD 080790
Campana, 24 april. In lading HOLLANDIA, Jansen naar Europa.
RN 190990
Falmouth, 17 september. Aangekomen HOLLANDIA, Jansen van Campana.
RN 240990
Falmouth, 22 september. Uitgezeild HOLLANDIA, Jansen naar Newcastle.
RN 031090
Shields, 1 oktober. Aangekomen HOLLANDIA, Jansen van Campana.
Op 20-11-1890 wordt voor de HOLLANDIA door P.H. Craandijk uit Amsterdam een voorlopige zeebrief aangevraagd voor kapt.
NVD 111290
Newcastle, 21 november. Zeilklaar HOLLANDIA, Janssen naar Port Louis (Mauritius)
1891
AH 290391
Mauritius, 27 maart. Aangekomen HOLLANDIA, Janssen van Shields. Alles wel.
NRC 020691
Londen, 1 juni. Volgens door ons ontvangen telegram is het Nederlandse barkschip HOLLANDIA, kapt. M.A. Jansen, van Mauritius naar New York, bij Kaapstad verongelukt. Slechts een gedeelte van het volk is gered. (om: zie o.a. NRC 240691)
PGC 050691
Amsterdam, 3 juni. Volgens nader bericht zijn van het verongelukte Nederlandse schip HOLLANDIA de gezagvoerder, de stuurman en 5 man gered en te Kaapstad aangebracht (opm: zie o.a. NRC 240691).
DMB 040691
Rotterdam, 2 juni . Volgens bericht uit Londen is het Nederlandse barkschip HOLLANDIA, kapt Jansen , van Mauritius naar bij Kaapstad verongelukt. Een gedeelte van het volk werd slechts gered . Kaapstad , 21 mei . De Nederlandse bark HOLLANDIA is op zee gezonken. Een gedeelte der equipage is hier geland . ( Het laatst bekende bericht van de HOLLANDIA kapt. Janssen, was , dat zij 13 maart van Shields te Mau - ritius was aangekomen.
NRC 240691
Kaapstad, 3 juni. Het Nederlandse barkschip HOLLANDIA, kapt. M.A. Janssen, van Mauritius naar New York met een lading suiker, is de 27e mei op 36º Z.B. en 18º O.L. gezonken. De gezagvoerder en zes man werden de 29e mei opgenomen door het Zweedse barkschip MONARCH, van Melbourne komende, en hier geland. De overige vier leden der bemanning zijn met het schip verongelukt. (opm: zie NRC 020691, PGC 050691 en 290691).
PGC 290691
Amsterdam, 26 juni. Betreffende het verongelukken van het barkschip HOLLANDIA, wordt door de gezagvoerder, kapt. M.A. Janssen, nader gemeld: In de nacht van 26 mei, op 36º 30’ Z.B. en 18º O.L, werden wij door een orkaan belopen, waardoor het gehele vaartuig verloren ging. De volgende dag brak de grote mast en viel met al het tuig overboord. Aanvankelijk was het schip nog dicht, toen men eensklaps bemerkte dat het veel water begon te maken en wel zo snel dat er nauwelijks tijd overbleef om de reddingboot over boord te krijgen. Zeven manschappen bereikten de boot, toen het schip plotseling in de golven verdween. Na 2 nachten en 1 dag in het grootste levensgevaar te hebben verkeerd zonder enig proviand en water werd de uitgeputte equipage door een Zweeds barkschip gered. De kok en 4 man verloren bij deze ramp het leven. (opm: zie o.a. NRC 240691)
OHC 010791
De Nederlandsche bark HOLLANDIA, kapt. Janssen , blijkt op reis van Mauritius naar Nieuw-York vergaan te zijn, maar het grootste deel der bemanning werd gered door de Zweedse bark Monarch, kapt. Linderdahl , den 30ste mei in Tafelbaai binnengekomen. Op 26 mei deed een hevige storm de fokke-mast -van het schip neerstorten en in de volgende nacht brak de grote mast en bleek het tevens, dat het schip lek was. Den hele nacht pompte men, om de volgenden morgen te bevinden, dat het onmogelijk was het schip te redden. Men moest dus trachten het vasteland, de Kaap, 200 mijlen verwijderd, in de boot te bereiken. De kapitein ried door een maaltijd zich eerst te versterken; maar toen het volk juist naar onderen was, bemerkte de eerste stuurman dat het schip op het punt was van te zinken. Op zijn geroep spoedde men zich naar het dek, maar vier man konden het niet bereiken en vergingen met het schip, terwijl de anderen in de boot, gelukkig een reddingsboot, kwamen, die, bij het zinken van het schip, nog net bijtijds door den tweeden stuurman met levensgevaar afgesneden werd. Na een uiterst bezwaarlijke tocht, waarop men steeds water uit de boot moest scheppen en het land slechts op verre afstand zag, werd de boot de 28 sten mei gezien door de MONARCH en de verhongerde bemanning gered. Van de kant der Zweden ontvingen de Hollanders de meest vriendelijke behandeling, en vooral de dochter van de kapitein deed alles om hen zoveel mogelijk te helpen. Voor de van alles beroofde zeelieden ging te Kaapstad een intekeningslijst rond.