Familiegegevens en opleiding
Jeremias Jans van der Veen werd geboren op 25 december 1817 te Groningen, Luthers. Hij woonde te Wildervank en vestigde zich op 04 juni 1879 te Rotterdam en woonde aldaar o.a. aan de Veemarktstraat Wijk 5/13 nr. 11 en de Leuvehaven Wijk 3 nr. 307.
Jeremias trouwde op 13 maart 1844 te Stavoren met Hendrika Alberts Brink, geboren op 19 april 1821 te Oudshoorn als dochter van de Nederlands Hervormde Albert Johannes Brink en Grietje Willems de Vries. Bij het overlijden van haar man Jeremias van der Veen op 15 juni 1882 te Wildervank leefde zij nog te Stadskanaal. Jeremias Jans overleed op 15 juni 1882 te Wildervank, 64 jaar, zonder beroep. Burgerlijke Stand akten uit de provincie Groningen vermelden Jeremias als schipper op 1852, 1855, 1856, 1858, 1861, 1866, 1870, 1871.
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
J.J. van der Veen was met vlagnummer R228 in de periode 1847/48 t/m 1874 effectief lid van het Rotterdamse zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart”. In het Jaarverslag 1874 van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat vermeld dat “het Bestuur zich genoodzaakt heeft gezien Art. 37 toe te passen” hetgeen betekende dat hij wegens het niet nakomen van zijn financiële verplichtingen uit de Maatschappij is gezet. J.J. van der Veen was effectief lid van het zeemanscollege “De Vooruitgang” uit Sappemeer met vlagnummer 64 in de periode 1859 t/m 1876.
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s).
J.J. van der Veen was met vlagnummer R228 in de periode 1847/48 t/m 1874 effectief lid van het Rotterdamse zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart”. In het Jaarverslag 1874 van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat vermeld dat “het Bestuur zich genoodzaakt heeft gezien Art. 37 toe te passen” hetgeen betekende dat hij wegens het niet nakomen van zijn financiële verplichtingen uit de Maatschappij is gezet. J.J. van der Veen was effectief lid van het zeemanscollege “De Vooruitgang” uit Sappemeer met vlagnummer 64 in de periode 1859 t/m 1876.
De schepen van de kapitein;
Bouma025 vermeldt J.J. van der Veen als gezagvoerder gedurende:
* 1847 t/m 1848 van de hoeker (sch.brik) “De Leeuw”, gebouwd in 1840 te Vlaardingen, 228 ton o.m., varend voor de Groot, Roelants & Co te Schiedam;
* 1849 t/m 1851 op de bark “Protheus”, gebouwd in 1838 te Schiedam, 343 ton o.m., varend voor de Groot Roelants & Co te Schiedam;
* 1855 van de kof “Mevrouw Wenkel”, gebouwd in 1852 te Sappemeer, 107 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Sappemeer. Het schip voer in 1856 voor kapitein/eigenaar A.A.Breeland te Sappemeer en was herdoopt in “Limmina Arentina”;
* 1858 t/m 1861 van de brik “Sappemeer”, gebouwd in 1857 te Sappemeer, 197 ton o.m., varend voor R.Meihuizen te Sappemeer. Het schip is in januari 1861 gezonken ten W. van Brest;
* 1862 t/m 1862 van de 2/msch “Hendrika”, gebouwd in 1861 te Sappemeer, 152 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Sappemeer;
* 1864 t/m 1865 van hetzelfde schip en varend voor E.& C.Maathuis te Sappemeer. Het schip voer in 1866 voor Boom & Co te Middelburg en was herdoopt in “Volharding”;
* 1867 t/m 1875 van de brik “Hendrika”, gebouwd in 1866 te Sappemeer, 175 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Sappemeer;
* 1878 t/m 1881 van de 3/msch “Zeldenrust” ex Baltya Pidde, gebouwd in 1873 te Ruthern, 306 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Rotterdam.
Overige bijzonderheden
Geen