Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt H.R.Stutvoet als gezagvoerder gedurende:
- * 1827 t/m 1847 van de smak “Geziena Catharina”, gebouwd in 1827 te Veendam, 80 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Veendam.
Van Sluijs013 (en niet Bouma025) vermeldt H.R.Stutvoet vanwege een bericht in het Handelsblad van 14 juli 1830 als kapitein op de “Jonge Ferdinand” (verdere gegevens ontbreken)
Overige bijzonderheden
In de winter van 1824/25 lag in de haven van Friedrichstad een schip ingevroren onder gezag van H.R.Stuitvoet, afkomstig uit Veendam, geladen met 19 alst. 105.
Rotterdamsche Courant 13 april 1822114
Rotterdam, 12 april. Den 11 arriveerden te Den Briel de EENDRAGT, G.A. Nieveen, en de VROUW HENDRIKA, W.J. Drewes, van Schleij; de TWEE AFWEZIGE ZUSTERS, J.T. de Boer, en de DOROTHEA, R.R. Hendriks, van Kiel; de JONGE GEUCHES, D. Geuchjes, van Sonderberg; de VROUW GEZINA, H.R. Stutvoet, van Lübeck; de wind O.N.O.
Rotterdamsche Courant 11 juni 1822114
Rotterdam, 10 juni. Den 7 arriveerde in de Maas de VROUW GEZINA, H.R. Stutvoet, van Stralsund. ….
Rotterdamsche Courant 04 juli 1822114
Rotterdam, 3 juli. Den 2 zeilden uit de Maas de DRIE GEBROEDERS, J.J. Keijer, naar Leith, en de VROUW GEZINA, H.R. Stutvoet, naar Brewich; de wind N.N.W.
Rotterdamsche Courant 23 juli 1822114
Rotterdam, 22 juli. Den 19 arriveerden te Den Briel de JONGE ANTJE, H.J. Prins, van Dantzig (opm: Gdansk); de VROUW GEZINA, H.R. Stutvoet, van Oosterrisoer, de VIER GEBROEDERS, H.A. Douwes, van Elbing; de NEPTHUNUS, B. Boijsen, van Libau (opm: Liepaja).
Den 20 zeilde de MERCURIUS, H.G. Schulte, naar Londen en arriveerde de GOEDE HOOP, F. de Best, van Sandwich.
Rotterdamsche Courant 21 september 1822114
Rotterdam, 20 september. Den 18 arriveerden in Den Briel de MAARTINA ALETTA (opm: MARTINA ALETTA), J.G. Hoetjer, van Dantzig (opm: Gdansk); de VROUW HENDRIKA (opm: VROUW HENDRIKJE), W.J. Drewes, van Busum; de TROOST VOOR MOEDELOOS, R.G. Nieuwveen (opm: smak TROOST VOOR MOEDERLOOS, R.G. Nieveen); de MARGARETHA, B.J. Potjewijd, en der MORGENSTERN, K.H. Meijer, van Kiel; de GOEDE HOOP, L.B. Flonk, van Tonningen; de VROUW GEZINA, H.B. Stutvoet, van Katington; de ADRIANA CHRISTINA, F.C. Pfeffercorn, van Drontheim, en de VROUW JOHANNA, J. de Vries, van Riga…..
ZIE OOK BIJ KEIJER
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
In het Archief van de Waterschout op het Stadsarchief van Amsterdam bevinden zich monsterrollen op naam van kapitein Jurgen Jans Kouier als gezagvoerder van de:
“Vrouw Hermina”, dd 22 mei 1816; 29 oktober 1817; 05 juni 1818; 04 augustus 1818
“Drie Gebroeders”, dd 11 december 1820; 30 juni 1823 en 07 maart 1825.
Overige bijzonderheden
Rotterdamsche Courant 17 januari 1822114
Amsterdam, 15 januari. Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J.J. Keijer, met tarwe en rogge van Rostock naar Rotterdam, is, volgens brief van Christiansand van den 28 december 1821, aldaar met schade aan het schip en de lading binnengelopen. Het had aldaar den 23 dito vreselijk gestormd uit het Z.Z.W; men vreesde, dat daardoor veel schade aan een aantal schepen, hetwelk daags tevoren van daar gezeild was, veroorzaakt zou zijn.
Den 27 had men weder storm gehad uit het Z.O.
Rotterdamsche Courant 09 april 1822114
Rotterdam, 8 april. ….
….Den 6 zeilde de VIER GEZUSTERS, P.H. Bager, naar Faborg, en arriveerde de DRIE GEBROEDERS, J.J. Keijer, van Rostock. ….