1816
LCO 260816
Arrivementen: Op de weser, J. Remts van Lexmond.
1819
OHC 080719
Arrivementen: Te Hamburg J. Remst van Amsterdam.
RC 141219
Amsterdam, 12 december. Te Freijburg, op de Elve (opm: Freiburg, op de Elbe), is in goede staat binnengelopen het schip de DRIE GEBROEDERS (opm: tjalk), kapt. J. Remts, van Amsterdam naar Hamburg.
1820
RC 270720
Arrivementen: Te Hamburg J. Remts van Amsterdam.
1822
RC 010122
Arrivementen: Op de Weser J. Remts van Amsterdam.
OHC 200822
Arrivementen: Op de Weser J. Remts van Amsterdam.
1825
RC 140425
Het schip De DRIE GEBROEDERS, kapitein J. Remts, van Amsterdam naar Hamburg, is, volgens brief van Ferroerd van de 30 maart, in de storm en hooge vloeden van de 3, 4 en 5 februarij, voor anker op een droogte, waar toen 20 voet water stond, gedreven en sedert dien tijd aldaar blijven zitten, krijgende bij hoog tij niet meer dan 2 voet water bij het schip; de kapitein heeft reeds met lichters een overeenkomst getroffen, doch, door de gestadige oostewinden geen water genoeg komende, kon hij daarmede niets vorderen. Het schip en de lading waren voor het overige in goeden staat.
1828
AH 190428
Carga-lijsten: Amsterdam, 18 april. DE DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Grossensie
1829
Op 7 dec. 1829:
1. Jan Remts, schipper, voerende het tjalkschip de DRIE GEBROEDERS, komende van Bremen, thans gestrand op het zogenaamd Wad, achter den Noord Polder onder den Andel;
2. Gerben Ritskes Bulstra, Pieter IJzebrands Schattenburg en Jacob Ubels Zijlema, alle drie landbouwers, wonende onder den Andel;
gaan overeenkomst aan over de berging der lading, voor f. 150,--.
(notaris mr. A.J. van Roijen te Onderdendam, toegang 93, inv. nr. 52, aktenummer 288, 7 dec. 1829)
Op 7 dec. 1829 geeft Jan Remts volmacht aan Pieter Jans Vos, koopman en commissionair, wonende te Delfzijl, voor de berging van schip en lading.
(notaris mr. A.J. van Roijen te Onderdendam, toegang 93, inv. nr. 52, aktenummer 289, 7 dec. 1829)
1834
DC 140834
Dordrecht, 13 augustus. Aan deze stad is gearriveerd: het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. Jan Rimts, van Bremen, met traan.
1835
AH 210335
Carga-lijsten Amsterdam: DE DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Bremen met katoen.
AH 160435
Advertentie. Schepen in lading. Naar Bremen. Het schip DE DRIE GEBROEDERS, kapt. Jan Remts. Adres bij Blikman en Comp.
1836
AH 090336
Carga-lijsten Amsterdam: DE DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Hamburg met koehaar, wol, veren, haar, zeegras, drogerijen en glas
AH 140736
Carga-lijsten Amsterdam: DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Hamburg met suiker, glas en haar.
PGC 181036
Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Hamburg naar Frankrijk, is de 6e oktober te Cuxhaven binnengelopen.
1837
PGC 010437
Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Remts, van Amsterdam naar Hamburg, is volgens brief van Delfzijl van 29 maart, na overzeild te zijn, op 28 maart zwaar lek en met andere schade aldaar binnengelopen. De lading zou dadelijk gelost worden.
RC 060437
Rotterdam, 5 april. Aangaande het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. J. Reints, van Hamburg naar Amsterdam (niet van Amsterdam naar Hamburg als bevorens verkeerdelijk gemeld) te Delfzijl binnen, wordt van daar van den 1 dezer gemeld, dat de lading geheel gelost is, en daarvan beschadigd waren bevonden 9 kisten glas, 30 balen koehaar, 1 baal manufacturen gemerkt P, en 2 collis planten gemerkt Z. & Co. (opm: zie voorgaand bericht)
Op 3 okt. 1837 gaat Jan Remts, schipper van de Ned. tjalk de DRIE GEBROEDERS, wonende aan scheepsboord, met een lading stukgoederen van Hamburg naar Amsterdam, door tegenwind genoodzaakt is geweest te ankeren op de Eems voor Delfzijl en aldaar in de maand maart 1837 is aangezeild door het Hanoversch galjootschip Die HOFFNUNG, gevoerd wordende door Jan Klasens Romelingh, waardoor zijn tjalk in zinkende toestand verkeerde, een bodemarijcontract aan voor f. 2.692,65 plus 8%.
(notaris mr. H.J.Offerhaus te Delfzijl, toegang 87, inv. nr. 43, aktenummer 129, 3 okt. 1837)
1838
GRC 040938
Pillau, 22 augustus. Uitgezeild DRIE GEBROEDERS, P. Meints naar Amsterdam.
1839
OHC 260239
Volgens brief van Cuxhaven dato 15 februari, waren aldaar nog liggende de schepen de DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts, van Amsterdam naar Lubeck en Ttto, kapt Premeida, van Odessa naar Amsterdam.
PGC 020439
Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts, de 20e oktober van Amsterdam naar Lubeck vertrokken, laatst van Cuxhaven, is op 24 maart wegens tegenwind te Cuxhaven in die haven teruggekeerd.
GRC 200839
Ameland, 4 augustus. Aangekomen DRIE GEBROEDERS, Remts van Wismar.
1840
GRC 010540
Tonningen, 20 april. Gepasseerd DRIE GEBROEDERS, Remts van Bremen naar Kiel.
1842
OHC 230442
De 17de april is te Delfzijl lek binnengelopen het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts van Rostok naar Amsterdam.
Op 18 april 1842 scheepsverklaring afgelegd door Jan Remts, 60 jaar, voerende de Ned. tjalk de DRIE GEBROEDERS.
(kantongerecht Appingedam, toegang 149, buitengerechtelijke zaken, inv. nummer 304, aktenummer 48, 18 april 1842)
30 april 1842 de scheepskapitein Jan Remts is met de Ned. tjalk de DRIE GEBROEDERS, wonende aan scheepsboord, met een lading tarwe van Rostock bestemd naar Amsterdam, ten gevolge van zeeschaden de haven van Delfzijl binnengelopen. Hij veilt een partijtje tarwe en 90 stuks garneermatten. Opbrengst f. 252,19½.
(notaris mr. H.J. Offerhaus te Delfzijl, toegang 87, inv. nr. 53, aktenummer 51, 30 april 1842)
OHC 090742
Te Delfzijl was 4 julij gereed om de reis voort te zetten het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts, van Rostok naar Amsterdam.
Op 22 juni 1842 gaat de scheepskapitein Jan Remts, van Schiermonnikoog, voerende de Ned. tjalk de DRIE GEBROEDERS, lading tarwe, van Rostock naar Amsterdam, ten gevolge van zware lekkage en andere zeeschaden, in de maand april 1842 in de haven van Delfzijl zijnde binnengelopen, een bodemarijcontract aan voor f. 363,63 plus 8%.
(notaris mr. H.J. Offerhaus te Delfzijl, toegang 87, inv. nr. 54, aktenummer 73, 22 juni 1842)
GRC 260842
Uithuizer Wad, 21 augustus. Gepasseerd De DRIE GEBROEDERS, Remts van Muiden naar Hamburg.
1845
GRC 060645
Gepasseerd te Tonningen: de 28e mei: kapt. Remts, DE DRIE GEBROEDERS, van Wolgast naar Rotterdam.
RC 070645
Het schip de DRIE GEBROEDERS, kapitein J. Remts, met granen van Wolgast naar Rotterdam, is, volgens brief van Tonningen van de 1 dezer, zwaar lek aldaar binnengelopen, en zou de lading, waar schijnlijk beduidend door zeewater beschadigd moeten lossen.
NRC 120745
Rendsburgs, 6 juli. Het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts, van Wolgast naar Rotterdam, te Tonningen met schade binnengelopen, heeft de 4e dezer na geëindigde reparatie de reis weder voortgezet.
AC 290845
Harlingen, 27 augustus. Het schip DRIE GEBROEDERS, kapt. Remts (opm: tjalk, kapt. Jan Remts), van Wolgast, laatst van Tonningen, naar Rotterdam, is alhier bij de haven verongelukt. De kapitein en deszelfs vrouw zijn daarbij verdronken, doch de knecht door een ander vaartuig gered.
OHC 300845
De bij Harlingen verongelukte tjalk met tarwe beladen, blijkt te zijn de DRIE GEBROEDERS, kapt. Reints, van Wolgast naar Rotterdam, de schipper en deszelfs vrouw zijn daarbij verongelukt, doch de knecht gered.
>