Familiegegevens en opleidin)
Reint Jacobs Sprik werd geboren/gedoopt 24 september/05 oktober 1800 te Oude Pekela als zoon van schipper Jacob Klaassens/Klazens (Sprik) en Geesjen Reints (Jonas).
Reint trouwde te Oude Pekela op 18 maart 1834 als zeeman met Grietje Alberts Tap, geboren te Oude Pekela op 01 december 1804 als dochter van schipper Albert Harmannus Tap en Hillegien Klaassens. Grietje overleed te Oude Pekela op 03 maart 1894, oud 89 jaar, weduwe.
Reint overleed in 1860 op zee.
Overlijdensregister Oude Pekela 1860, aktenummer 102
Brief van het Departement van Marine van 22 okt. 1860 inhoudende:
Koninklijk Consulaat der Nederlanden te Kopenhagen: Tengevolge van het overlijden van kapitein R.R.Sprik, voerende het te Oude Pekela thuishorende schoenergaljootschip “Gritiana”; en van Reimpe Boersma, die, zoals uit de monsterrol blijkt, 41 jaren oud, geboren en wonende te Sneek was en op 17 sept. jl. te Hamburg als matroos werd aangenomen, zijn heden aan het Consulaat verschenen: A.R.Sprik, stuurman, zoon van de kapitein, K.B.Kok, matroos, B.P.Viet, kok, de overblijvende bemanning uitmakende, die verklaard en aangeboden hebben onder ede te bevestigen dat op de 22e van de vorige maand bovengenoemd schip de haven van Hamburg verliet, bestemd naar Riga, met een lading stukgoederen. Dat tot 3 okt. niets buitengewoons voorgevallen was, maar dat om vier uur in de nacht van drie op vier oktober, toen het schip zich in het Kattegat bevond, op enige mijlen afstand van Kullen, onder een hevige storm, een golf de kapitein R.R.Sprik, die toen aan het roer stond, overboord sloeg; dat op zijn hulpgeroep de twee comparanten A.R.Sprik en K.B.Kok en de matroos Reimpe Boersma toesnelden; dat het beide laatsgenoemden gelukte de kapitein te grijpen en hem een ogenblik boven water te houden, totdat een tweede golfslag hem dwong de drenkeling los te laten en hen zelf overboord rukte, dat het alleen de comparant K.B.Kok gelukte weer aan boord te komen, dat men verder niets zag of vernam van de beide andere drenkelingen, dat men wegens de duisternis van de nacht en de hevigheid van de storm er zelfs niet aan denken kon, een poging te doen om hem te redden. Dat na deze treurige gebeurtenis de reis werd voortgezet en dat het schip, na verplicht geweest te zijn het anker te werpen, onder het eiland Hween, op 6 oktober ’s morgens om 10 uur, op de rede van Kopenhagen aankwam, waarna de comparant A.R.Sprik zich onmiddellijk aan land begaf om aan de consul bericht te geven van het voorgevallene. Kopenhagen, 8 okk. 1860.
De initialen R.R.. komen niet in de site “allegroningers” voor. Het schip Gritiana wordt niet in Bouma genoemd. Er lijkt enige overeenkomst met de scheepsnaam Grietina en derhalve deze mededeling op deze plaats bij A.R.Sprik vermeld.
In Burgerlijke Stand akten in de provincie Groningen wordt Reint Sprik vermeld als zeeman in 1834, 1836, 1837, als schipper in 1838, 1841, 1842, 1846, 1848, 1849.
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
R.J.Sprik (met adres van der Stadt te Amsterdam) werd met vlagnummer 374 per 16 mei 1837 ingeschreven als effectief lid van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop op voordracht van kapitein H.A.Hendriks. Als zijn schip is genoemd de “Anna Maria”. Toegevoegd is “overleden” 002.
In de Algemene Vergaderingen van 09/16 mei 1837 van het Amsterdamse zeemanscollege “Zeemanshoop” werd als effectief lid voorgedragen/aangenomen Reint Jacobs Sprik, oud 38 jaar, voerend de smak “Vriendschap” met als adres C.van der Stadt te Amsterdam en op voordracht van kapitein H.A.Hendriks023.
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 29 december 1859 wordt een maand gage toegekend aan R.J.Sprik, wegens verlies van plunje.042.
In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 07 februari 1861 vraagt de wed. R.J.Sprik geb. Tap om een uitkering welke haar in de vergadering dd 28 februari 1861 wordt toegestaan ingaande 01 november 1860 voor haar en één kind.042
In de notulen van de Algemene Vergadering dd 10 januari 1860 staat vermeld dat een maand gage is toegekend aan kapitein R.J.Sprik vanwege schipbreuk.023.
In de notulen dd 02 april 1861 van de Algemene Vergadering staat vermeld dat per 01 november 1860 een uitkering is toegekend aan de wed. R.J.Sprik geb. Tap.023
De schepen van de kapitein
lidmaatschap van College Zeemanshoop te Amsterdam001
vlagnummer jaren type scheepsnaam naam reder/boekhouder
374 1837 smak de Vriendschap C.van de Stad
1838 geen vermelding van schip en boekhouder
1839-1846 kof Anna Maria C.van de Stad
1848-1853 kof Grietina Hillegina geen opgave
127 1854 kof Grietina Hillegina idem
1855-1859 kof Grietina Hillegina de kapitein
1860 kof Grietina geen opgave
1860 “overleden”
Vertrek en aankomst van schepen in Amsterdam093
Naam Kapitein Naam van het Schip Vertrek Aankomst
R.J.Sprik Grietina 01 juni 1860 03 oktober 1860
Bouma025 vermeldt R.J.Sprik als gezagvoerder geurende:
- * 1836 t/m 1840 van de smak “Vriendschap”, gebouwd in 1803, 90 ton o.m., varend voor v/d Stadt te Amsterdam;
- * 1840 t/m 1847 van de kof “Anna Maria”, gebouwd in 1839 te Muiden, 114 ton o.m., varend voor C.v/d Stadt te Amsterdam;
- * 1849 t/m 1859 van de kof “Grietina Hillechiena”, gebouwd in 1847 te Veendam, 77 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela. Het schip is in november 1859 op de Haaks verbrijzeld, op weg van Nantes naar Hamburg.
Bouma025 vermeldt R.Sprik als gezagvoerder gedurende:
- * 1851 t/m 1858 van de sch.kof “Geerdina Hillechiena”, gebouwd in 1847 te Veendam, 77 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela. (dit is vermoedelijk de “Grietina Hillegiena”, zie overeenkomst in bouwjaar en tonnage)
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt:
1817, geen datum vermeld, schip “Vriendschap”, kapitein J.H.Sterenberg, kok Reint J.Sprik, 16 jaar.
12 februari 1822, kof “Goede Hoop”, schipper Jan Jacobs Wychers, matroos Reint Jacobs Sprik uit Oude Pekala.
03 augustus 1827, smak “Henderika”, schipper Jan Obbes Visser, stuurman Reind Jacobs Sprik uit Oude Pekela.
24 juni 1847, kof “Grietina Hillegiena, schipper Reint Jacobs Sprik, 46 jaar uit Oude Pekela.
09 februari 1850, schip “Grietina Hillegiena”, kapitein Reint J.Sprik uit Oude Pekela.
19 februari 1852, schip “Grietina Hillegiena”, kapitein Reint J.Sprik uit Oude Pekela.
11 maart 1852, kof “Grietina Hillegiena”, kapitein Reint Jacobs Sprik.
23 februari 1857, schip “Grietina Hillegiena”, kapitein Reint J.Sprik uit Oude Pekela.
01 mei 1860, schip “Grietina”, kapitein Reint J.Sprik uit Oude Pekela.
Overige bijzonderheden
Bremer094 vermeldt de stranding van de kof “Grietiena Hillechiena” op 23 november 1859 op de Haaksgronden, geladen met hout en onder gezag van kapitein R.J.Sprik.
In een extract uit het journaal van de schoenerkof “Grietina Hillechina”, gevoerd door Rein Jacobs Sprik, staat vermeld het verdrinken van een jongen op 30 mei 1852 op een reis van Newcastle naar St. Petersburg, zeilende op dat moment op de hoogte van Gotland.115.
Overlijdensregister Oude Pekela 1860, aktenummer 102
Brief van het Departement van Marine van 22 okt. 1860 inhoudende:
Koninklijk Consulaat der Nederlanden te Kopenhagen: Tengevolge van het overlijden van kapitein R.R.Sprik, voerende het te Oude Pekela thuishorende schoenergaljootschip “Gritiana”; en van Reimpe Boersma, die, zoals uit de monsterrol blijkt, 41 jaren oud, geboren en wonende te Sneek was en op 17 sept. jl. te Hamburg als matroos werd aangenomen, zijn heden aan het Consulaat verschenen: A.R.Sprik, stuurman, zoon van de kapitein, K.B.Kok, matroos, B.P.Viet, kok, de overblijvende bemanning uitmakende, die verklaard en aangeboden hebben onder ede te bevestigen dat op de 22e van de vorige maand bovengenoemd schip de haven van Hamburg verliet, bestemd naar Riga, met een lading stukgoederen. Dat tot 3 okt. niets buitengewoons voorgevallen was, maar dat om vier uur in de nacht van drie op vier oktober, toen het schip zich in het Kattegat bevond, op enige mijlen afstand van Kullen, onder een hevige storm, een golf de kapitein R.R.Sprik, die toen aan het roer stond, overboord sloeg; dat op zijn hulpgeroep de twee comparanten A.R.Sprik en K.B.Kok en de matroos Reimpe Boersma toesnelden; dat het beide laatsgenoemden gelukte de kapitein te grijpen en hem een ogenblik boven water te houden, totdat een tweede golfslag hem dwong de drenkeling los te laten en hen zelf overboord rukte, dat het alleen de comparant K.B.Kok gelukte weer aan boord te komen, dat men verder niets zag of vernam van de beide andere drenkelingen, dat men wegens de duisternis van de nacht en de hevigheid van de storm er zelfs niet aan denken kon, een poging te doen om hem te redden. Dat na deze treurige gebeurtenis de reis werd voortgezet en dat het schip, na verplicht geweest te zijn het anker te werpen, onder het eiland Hween, op 6 oktober ’s morgens om 10 uur, op de rede van Kopenhagen aankwam, waarna de comparant A.R.Sprik zich onmiddellijk aan land begaf om aan de consul bericht te geven van het voorgevallene. Kopenhagen, 8 okk. 1860.
De initialen R.R.. komen niet in de site “allegroningers” voor. Het schip Gritiana wordt niet in Bouma genoemd. Er lijkt enige overeenkomst met de scheepsnaam Grietina en derhalve deze mededeling op deze plaats en ook bij A.R.Sprik vermeld.
Algemeen Handelsblad 08 juli 1836114
Binnengekomen: Vlie, 5 juli. DIANA, kapt. J. Alberts, van Riga; GOEDE WELVAART, kapt. J.G. Vos, van Droback; VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, van Hamburg.
Leeuwarder Courant 26 juli 1836114
Harlingen. Binnengekomen: Den 24 dito (juli), het smakschip VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, naar Hamburg.
Algemeen Handelsblad 28 juli 1836114
Uitgezeild: Vlie, 24 juli. …. VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, naar Hamburg.
Algemeen Handelsblad 09 september 1836114
Binnengekomen:…..Vlie, 2 september. …. VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, naar Hamburg; ….
Provinciale Groninger Courant 13 december 1836114
Rotterdam, 12 december. Het schip de VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, van Amsterdam naar Rochefort, is, volgens een brief van Yarmouth van den 2 december, na enige kleinigheden verloren te hebben, overigens in goeden staat aldaar is binnengelopen.
Provinciale Groninger Courant 03 januari 1837114
Het schip (opm: smak) de VRIENDSCHAP, kapt. R.J. Sprik, van Amsterdam naar Rochefort te Portsmouth binnengelopen, heeft op 20 december 1836 de reis voortgezet.
Provinciale Groninger Courant 05 juni 1840114
Te Genua lag den 23 mei in lading het schip ANNA MARIA, kapt. Sprik, voor Amsterdam.
Algemeen Handelsblad 18 februari 1842114
Advertentie. Schepen in lading:….
….Naar Liverpool. Het Nederlands kofschip ANNA MARIA, kapt. R.J. Sprik.
Adres bij Jan Corver en Comp…..
Provinciale Groninger Courant 17 mei 1842114
Te Liverpool hebben een aanvang gemaakt met laden, de 3e mei, de schepen ANNA AGATHA, kapt. De Boer en EPPIEN, kapt. Potjewijd, beide voor Rotterdam, de 6e mei ANNA MARIA, kapt. Sprik, voor Nerva en JANTINA, kapt. v.d. Werff, voor Danzig
Groninger Courant 04 oktober 1842114
Lijst van de Nederlandse schepen, welke de Sont gepasseerd zijn:…..
…..Den 27 september. ALIEDA GIEZEN (Veendam), kapt. Boon, van Petersburg naar Havre; GEERTRUIDA (Zuidbroek), kapt. Boswijk, van Petersburg naar Nantes; DE HOOP (Wildervank), kapt. Eilers, van Danzig naar Amsterdam; ALIDA JANTINA (Pekela), kapt. Klasen, van Petersburg naar Amsterdam; JANTINA FROUWINA (Pekela), kapt. Scherpbier, van Petersburg naar Termunterzijl; DANIEL MARIUS (Schiedam), kapt. De Boer Brouwer, van Nerva naar Schiedam; WAAKZAAMHEID (Harlingen), kapt. De Jong, van Petersburg naar Amsterdam; ANNA MARIA (Pekela), kapt. Sprik, van Nerva naar Amsterdam.
Algemeen Handelsblad 25 november 1846114
Advertentie. G.J. Roland Holst, J. Corver en R.L. Scholten, makelaars, zullen op maandag de 28e december 1846, des avonds ten zes ure, te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ, ten overstaan van een daartoe bevoegd beambte, verkopen een extra ordinair welbezeild kofschip, genaamd ANNA MARIA (opm: bouwjaar 1839, zie AH 231246), gevoerd door kapt. R.J. en varende onder Nederlandse vlag. Volgens Nederlandse meetbrief lang 21 ellen 30 duimen, wijd 4 ellen 68 duimen, hol 2 ellen 59 duimen, en alzo gemeten op 115 tonnen of 61 lasten. Breder bij inventaris en bericht bij bovengenoemde makelaars.
N.B. Voornoemd kofschip is inmiddels uit de hand te koop.
Algemeen Handelsblad 23 december 1846114
Advertentie. Daar het kofschip genaamd ANNA MARIA, gevoerd door kapt. R.J. Sprik, uit de hand verkocht is, zo zal de tegen de 28e december e.k. aangeslagen verkoping geen voortgang vinden. (opm: zonder naamsverandering kwam het schip onder kapt. D. Lovius)
NRC 08 december 1848114
Amsterdam, 7 december. Het schip GRETTINA HILLEGINA (opm: kof GRIETINA HILLECHINA), kapt. Sprik, van Windau naar de Maas, is volgens brief van Elseneur van de 2e dezer, de 30e november aldaar binnengesleept, hebbende in de Droogden (opm: Drogden) bij Kopenhagen aan de grond gezeten.
NRC 12 deccember 1848114
Elseneur, 5 december. Het schip GRIETINA HILLECHINA, kapt. Sprik, van Windau naar de Maas, alhier binnengebracht, is bezig de lading te lossen.
NRC 22 januari 1855114
Holtenau, 18 januari. Het Nederlandse schip GRETINA HILLECHIENA, kapt. Sprik, van Memel (opm: Klaipeda) met gerst naar de Maas, is hier lek en met overgeslagen lading binnengelopen.
NRC 24 november 1859114
Nieuwe Diep, 22 november. Heden morgen is door de Texelse loodsboot No. 4, schipper Duinker, hier aangebracht de equipage van het in de vroege morgen op de Noorder Haaks verzeilde Groninger kofschip GREETINA HILLECHINA (opm: GRIETINA HILLECHINA), kapt. R.J. Sprik, van Nantes met verfhout naar Hamburg bestemd. Het schip zal weg zijn.
Familiegegevens en opleiding
Douwe Lovius werd geboren op 09.07.1810 te Leeuwarden als z.v. Rinse Douwes Lovius (zeeman) en Hiltje Minnes.
Douwe (30) (zeeman) trouwde op 14.04.1841 te Amsterdam met Antje van der Zee (25) - geb. te Joure - d.v. Harmen Sjoerds van der Zee (logementshouder) en Grietje Coenes Cornel.
Douwe overleed op 28.11.1872 te Rotterdam (62).
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
D.Lovius werd per 01 juli 1851 met vlagnummer 30 ingeschreven als lid van het Harlinger zeemanscollege "Zeemansvoorzorg". Zijn schip was de "Waakzaamheid", met de kapitein als boekhouder. Zijn contributie werd betaald door zijn vrouw Antje van der Zee, geboren 02 oktober 1815. Het echtpaar had bij de inschrijving 3 kinderen: Harmen (21 december 1841), Hiltje (12 januari 1843) en Rinze (27 oktober 1845)028-fol.030.
D.R.Lovius was met vlagnummer 30 lid van het College “Zeemansvoorzorg” in de periode 1851-1857034.
Een Douwe Lovius uit Amsterdam was in de periode 24 januari 1851 t/m het overlijden op 28 november 1872 lid van het Dordtse zeemanscollege “Tot Nut van Handel en Zeevaart” met vlagnummer D71. Ten tijde van de inschrijving was hij gezagvoerder van de kof “Waakzaamheid”.064a
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
"Maart 1972
Aan de Buitengewone Leden van het Collegie Zeemans Voorzorg. Aan de Buitengewone Leden G.H.Smit Amsterdam O.S.Parma Midlum Jan Steeksma Hull H.Maas Nieuwediep Ph.Hannema Stadskanaal D.Lovius Amsterdam M.Lovius Purmerend J.D.Visser F.J.van Oppen
De Directie van het Collegie Zeemans-Voorzorg heeft de eer aan de Buitengewone leden dezer inrichting kennis te geven, dat in eene Algemeene Vergadering, gehouden op den 10 Febr. j.l., is besloten art.10 van het thans vigerende reglement te doen vervallen, en daarvoor in de plaats te stellen het navolgende:
Een gewoon lid, deze stad als woonplaats verlatende, zal daarvan schriftelijk kennis geven aan den Secretaris. - Wanneer hij gedurende vijf jaren lid is geweest, behoudt hij alle aanspraak op de fondsen van het collegie, en zijne weduwe of kinderen, regt op de bij het reglement bepaalde uitkeering, overschillig of hij al dan niet zeeman is gebleven, mits hij betalende de contributie, te rekenen vanaf den tijd dat hij opgehouden heeft die te voldoen.
Dit artikel is van toepassing op zoodanige leden, die sedert oprichting van het Collegie deze stad als woonplaats hebben verlaten.
Zij verzoekt daarvan nota te willen nemen. De Directie voornoemd (Get.) D.Fontein Pz, prisid. C.Teves H.Harmens Cz J.Foekens, Secr."033.
De schepen van de kapitein
In Ledenlijsten de Dortse zeemansalmanak (Stadsarchief Dordrecht, inv. 93, nrs 16-33) staat D.Lovius als gezagvoerder064a:
* 1852 t/m 1853 kof “Waakzaamheid” boekhouder Sandberg & Co te Dordrecht
* 1854 t/m 1858 kof “Waakzaamheid” geen boekhouder vermeld
1859; 1861 stoomboot “Balmoral” G.Schuurmans & Z
lid van het college Zeemansvoorzorg te Harlingen036
vlagnummer periode type naam van het schip boekhouder/reder
H30 1852-1857 sch.kof Waakzaamheid kap/eigenaar, Harlingen
overvaren door een stoomschip in de Sont (Petersburg - Amsterdam)
Bouma025 vermeldt D.Lovius als gezagvoerder gedurende:
* 1846 t/m 1847 van de kof “Nooit Gedacht”, gebouwd in 1826 te Harlingen, 105 ton o.m., varend voor Visser & v/d Sande te Dordrecht;
* 1848 t/m 1849 van de kof “Anna Maria”, gebouwd in 1839 te Muiden, 114 ton o.m., varend voor J.& F.van Wageningen te Dordrecht. Het schip is verongelukt bij Holyhead;
* 1852 t/m 1857 van de schkof “Waakzaamheid”, gebouwd in 1851 te Groningen, 103 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Harlingen. Het schip werd 2 keer te Harlingen geregistreerd en wel 1 keer met hout van Nerva en 1 keer met zout van Liverpool. Het is in 1857, gaande van Petersburg naar Amsterdam, ’s nachts overvaren in de Sont door een stoomschip;
* 1858 t/m 1865 van het ijzeren schroefstoomschip “Balmoral”, gebouwd in 1850 te Dumbarton, 277 ton o.m., varend voor S.M.”de Maas”, G.Schuurmane & Zn te Rotterdam;
* 1866 t/m 1868 op hetzelfde schip maar dan voor C.A.van Hemert te Amsterdam;
Overige bijzonderheden
De Harlinger Courant dd 23 september 1857 meldt:
“Volgens alhier aangekomen telegrafisch berigt is het Ned. Kofschip Waakzaamheid, kapt. D.Lovius, (den 7 Septbr. l.l. van Croonstad vertrokken) in de Oostzee aangezeild en spoedig daarna gezonken. De equipage was gered. Nader bijzonderheden ontbreken nog.”