Inloggen
MARIA - ID 4010


Kroniekberichten

Datum 12 mei 1898
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Rotterdam, 11 mei. Heden is van de werf der heren John Priestman en Co te Sunderland met goed gevolg te water gelaten het stoomschip MARIA, groot 6.000 ton deadweight, gebouwd voor rekening der firma Jos. de Poorter te Rotterdam. De machines, door de heren Allan en Co te leveren, zullen van de nieuwste en soliedste vindingen zijn. Het stoomschip zal einde juni in de vaart gebracht en gevoerd worden door kapitein G. Lutz.

Afbeelding
Datum 09 september 1898
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Amsterdam, 8 september. Gisteren had te Sunderland de proeftocht plaats van het Nederlandse stoomschip MARIA, het eerste der drie stoomschepen, bestemd voor de nieuwe lijn Port Arthur – Rotterdam en Amsterdam, gebouwd door de scheepsbouwmeesters Priestman & Co te Sunderland voor rekening van de firma Jos. de Poorter. Dit stoomschip, 6.000 ton groot, voldeed ten volle aan alle gestelde vereisten. De machine, vervaardigd door de heren Allan & Co, werkte met succes en deed het stoomschip een tien mijls vaart lopen. Het zal gevoerd worden door kapitein Lutz. Het vertrok dezelfde dag voor haar eerste reis naar de bestemming Philadelphia.

Afbeelding
Datum 30 september 1898
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 september. Volgens een van de reder ontvangen bericht arriveerde het nieuw gebouwde stoomschip MARIA op 28 dezer van Sunderland te Philadelphia. De reis werd vertraagd door tegenwind met storm en daardoor veroorzaakte hoge zee. (opm: nieuw stoomschip van de Holland-Gulf Stoomvaart Maatschappij te Rotterdam, dir. Jos. de Poorter, zie PGC 120598)

Afbeelding
Datum 20 januari 1900
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 19 januari. Het Nederlandse stoomschip MARIA, van Calcutta naar New York, arriveerde heden te Suez.

Afbeelding
Datum 26 februari 1900
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

De Holland-Gulf. In haar verslag over 1899 deelt de directie van de Holland-Gulf Stoomvaartmaatschappij (Jos. de Poorter), mede dat dit eerste boekjaar, “de omstandigheden in aanmerking nemende ( slechts twee van de drie schepen waren in exploitatie)”, zeer gunstige uitkomsten heeft opgeleverd. De oprichting van de maatschappij had plaats, zegt de directie, in een tijd, toen de schepen beduidend voordeliger aan te schaffen waren dan thans. Twee van onze schepen zijn dan ook veel onder de tegenwoordige marktwaarde verkregen. Toen het derde stoomschip, na de uitgifte van de obligatieleningen, kon aangekocht worden, waren de prijzen ongeveer 10% gestegen. Wij meenden toen niet zo dadelijk op deze verhoging te moeten ingaan, maar eerst eens te zien hoe de markt zich zou houden. Nu echter de loonprijs op een blijvende verhouding wijst en staal, hout, etc. veel hoger staan, terwijl de vraag steeds onbeperkt blijft; toen daarenboven onze maatschappij reeds op enige goede resultaten kon wijzen en haar twee schepen voor geruime tijd zeer winstgevend bevracht waren, hebben wij eerst op het einde van het boekjaar het stoomschip PILGRIM aangekocht, dat, met een laadvermogen van ruim 7.000 ton, gebouwd door de heren Craggs & Co. te Middlesbrough, reeds één jaar in de vaart was en goed heeft voldaan. Dit stoomschip is in het begin van ons tweede boekjaar, onder de naam van WILHELMINA, in de vaart gebracht en ter betaling van de aankoopsom van GBP 51.000 hebben wij grotendeels de in de balans voorkomende beschikbare middelen gebruikt. Het contract dat wij met de Kansas City Pittsburg & Gulf Railroad Company gesloten hadden, is door de receivers van deze maatschappij opgezegd en wij zullen nu voor de toekomst afwachten of door de gereorganiseerde maatschap nieuwe voorstellen gedaan worden. Intussen hebben onze schepen zeer goed voldaan. Reparaties zijn niet voorgekomen en wij ondervonden alleen gedurende de reizen enige tegenspoed door quarantainemaatregelen. Beide schepen zijn nog voor geruime tijd bevracht tot cijfers, die ons met reden doen verwachten, het tweede boekjaar op een beter resultaat te kunnen wijzen dan het eerste. Op de balans is aan de debetzijde uitgetrokken het volle bedrag voor de stoomschepen besteed; aan de creditzijde vindt men de bij de statuten voorgeschreven afschrijving van 7½% over NLG 1.030.492,73; zijnde de originele waarde van de stoomschepen MARIA en FOLMINA. De debetpost saldo vracht nog lopende reizen toont aan het bedrag NLG 75.963,38; dat tot ultimo december 1899 netto, dus na aftrek van de lopende onkosten verdiend is voor reizen waarvan echter de rekening niet is afgesloten, omdat de contracten eerst eindigen respectievelijk in mei en augustus 1900. De gelden van de obligatielening, gesloten in februari 1899, zijn in mei gestort. De interestrekening is belast met het bedrag, dat betaald is voor de ingevorderde augustus-coupons. Aan de creditzijde van de balans is gereserveerd een bedrag van NLG 135 voor nog niet ingevorderde augustuscoupons, alsmede een bedrag van NLG 14.062,50 op rekening van hetgeen verschuldigd zal zijn voor de coupon van 1 februari 1900. De exploitatierekening sluit met een goed saldo van NLG 173.107,06. Daarvan is, na aftrek van de algemene onkosten, van het saldo van de interestrekening ( NLG 1.751.34½ ), van afschrijving van een kleine schade van het stoomschip MARIA bij de pier van Galveston, van afschrijving en reserve voor buitengewone reparaties op de MARIA en de FOLMINA ( NLG 77.287,73), van afschrijving van oprichtingskosten (NLG 3.566,78) en van de kosten van de obligatielening (NLG 3.952,68), een nettowinst beschikbaar van NLG 78.570. De voorgestelde verdeling van dit bedrag is: aan de aandeelhouders NLG 70.000 ( dus een dividend van 7%), aan de directie NLG 5.713 en aan commissarissen NLG 2.857.

Afbeelding
Datum 19 april 1900
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 18 april. Het Nederlandse stoomschip MARIA, van New York naar Kaapstad, arriveerde de 18e dezer te St. Vincent en heeft, na kolen ingenomen te hebben, de reis voortgezet.

Afbeelding
Datum 15 mei 1900
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 14 mei. Het Nederlandse stoomschip MARIA arriveerde de 9e dezer van Philadelphia te Kaapstad.

Afbeelding
Datum 25 december 1900
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 december. Het Nederlandse stoomschip MARIA vertrok de 23e dezer van Barry naar Port Said.

Afbeelding
Datum 23 maart 1902
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

In haar jaarverslag over 1901 zegt de directie (Jos de Poorter) van de Holland-Gulf Stoomvaartmaatschappij NV alhier:
De vrachtenmarkt bleef het gehele jaar in een slechte toestand en de gevolgen daarvan zijn in ons winstcijfer te bespeuren, daar toch, tegen NLG 375.799,62 in 1900, in het derde boekjaar slechts NLG 229.335,47½ kon geboekt worden. Hierbij dient echter te worden opgemerkt, dat 1900 een buitengewoon voorspoedig jaar voor de rederijen was. Daar wij van die periode hebben gebruik gemaakt om de oprichtingskosten en de kosten der obligatie-lening geheel af te schrijven, kunnen wij nu volstaan met een afschrijving volgens art. 26 der staturen van 7½ pct. op de originele waarde der schepen, waarvoor NLG 123.415,41 vereist wordt. De rekening van afschrijving en van reserve voor buitengewone reparaties bedroeg per ult. december 1901 de som van NLG 200.703,14. Verminderd met NLG 6508,94 voor buitengewone reparatie en vermeerderd met de afschrijving ad NLG 123.415,41, bereikt deze rekening thans het cijfer van NLG 317.609,61. Onze schepen staan nu netto te boek voor NLG 1.646.872,41 min NLG 317.609,61, blijft NLG 1.329.262,80 of NLG 68,16 per ton laadvermogen, tegen NLG 74,11 per ton laadvermogen op 1 januari 1901.
Onze vloot onderging geen verandering in het afgelopen jaar. De FOLMINA werd in mei, terwijl zij te New York aan een pier gemeerd lag, door een lichter, die door een sleepboot der Erie Spoorweg-Maatschappij gesleept werd, aangevaren. Hierdoor ontstond belangrijke schade, waarvan de reparatie geruime tijd vorderde. De schade is ons vergoed, maar het oponthoud zal waarschijnlijk slechts gedeeltelijk te verhalen zijn, daar de lichter en de sleepboot geen voldoende waarde hebben om de schade en het tijdverlies daaruit te betalen. Wij hebben tezamen met onze assuradeuren de Erie Spoorweg-Maatschappij in rechten aangesproken, maar deze zaak is nog hangende. De schade aan de MARIA en WILHELMINA, respectievelijk te Liverpool en te Portland (Oregon) is sedert 1 januari door onze assuradeuren vergoed. Uit de disponibele middelen zullen wij eerstdaags voorstellen een vierde stoomschip aan te schaffen, daar de prijzen van het staal en het weinige werk aan de scheepswerven ons nu in staat stellen dit voordelig te kunnen doen.
Op de balans komt weder de post saldo vracht nog lopende reizen voor (ditmaal NLG 22.667,98 tegen NLG 119.412,04 ten vorige jare) aangevend hetgeen netto verdiend is op reizen, waarvan de rekening niet is afgesloten, omdat de reizen nog niet zijn afgelopen.
De directie stelt voor het dividend te bepalen op 6½ pct. Daarvoor is NLG 65000 nodig. Voor de nieuwe rekening blijft er NLG 30.795,31 onverdeeld.

Afbeelding
Datum 25 december 1904
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 24 december. Het Nederlandse s.s. TEUTONIA, in ballast van Spezia naar Kurrachee, is op 2 dagreizen van Port Said met gebroken schroef aangetroffen door het Nederlandse s.s. MARIA. De MARIA heeft eerstgenoemd stoomschip op sleeptouw genomen en is thans koersende naar Port Said.

Afbeelding
Datum 10 november 1905
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Londen, 8 november. Terwijl het Ned. s.s. TEUTONIA in waterballast op reis was van Savona naar Kurrachee, brak op 19 december 1904 de as van dit stoomschip en ging de schroef verloren. Twee dagen later werd het door de van Rotterdam komende naar Port Said bestemde Ned. s.s. MARIA aangetroffen en op sleeptouw genomen en op Kerstmis Port Said binnengesleept. De gesleepte afstand was 470 Mijl. Door het Admiraliteitshof en de oudste leden van het Trinity House werd heden het hulploon bepaald op GBP 1000. De waarde van de TEUTONIA werd geschat op GBP 15000 en tevens bepaalde het Hof dat aan de rederij GBP 750, aan de gezagvoerder GBP 100 en aan de bemanning GPB 150 zou worden uitbetaald.

Afbeelding
Datum 04 juni 1907
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 3 juni. Uit Nicolajeff wordt gemeld, dat het Nederlandse stoomschip MARIA vlot is en naar Kherson is vertrokken.

Afbeelding
Datum 29 mei 1908
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 28 mei. Volgens telegram uit Nicolajeff is het Nederlandse stoomschip MARIA op de Dnjepr aan de grond gevaren.

Afbeelding
Datum 31 mei 1908
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Nicolajeff, 29 mei. Doordat er een ondiepte in het vaarwater van de Dnjepr was ontstaan, is de MARIA aan de grond gevaren. De havenmeesters verlenen alle mogelijke assistentie. Het stoomschip zit dwarsscheeps, blokkerende het baggermolenkanaal.

Afbeelding
Datum 01 juni 1908
Krant PGC - Provinciale Groninger Courant

Nicolajeff,29 mei. Het Ned. s.s. MARIA zit in het vaarwater aan de grond en blokkeert de geul voor de baggermolen tengevolge van aanslibbing. De havenautoriteiten verlenen alle mogelijke bijstand.

Afbeelding
Datum 02 februari 1910
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 2 februari. Het Nederlandse stoomschip MARIA, dat bij vertrek van Duinkerken naar Newcastle tegen de pier van eerstgenoemde haven is gevaren, en daardoor aan de steven werd beschadigd, zal te Newcastle repareren.

Afbeelding
Datum 22 augustus 1910
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 21 augustus. Volgens een telegram uit Pensacola heeft het naar Norfolk bestemde Nederlandse stoomschip MARIA, naar zee gaande, de baar passerende even aan de grond gezeten. Het kwam bijna onmiddellijk met behulp van een loodskotter weer vlot en zette de reis naar Norfolk voort. Men gelooft dat het stoomschip onbeschadigd is gebleven.

Afbeelding
Datum 15 maart 1911
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Raad voor de Scheepvaart
De Raad voor de Scheepvaart heeft uitspraak gedaan in de zaak van het stoomschip MARIA van de Holland-Gulf-Company, hetwelk op 29 januari 1910, van Duinkerken vertrokken zijnde naar Newcastle on Tyne, buiten de pieren bij zwaar weer op het Snow lichtschip is gelopen, en op 27 augustus jl., op reis van Port Tampa (Florida) naar Rotterdam met een deklast, bij de haven van Pensacola op een bank is gestoten. Bovendien zijn op deze reis aan boord twee tyfus-gevallen voorgekomen, waarvan één met dodelijke afloop. Uit onderzoek inzake de aanvaring met het lichtschip heeft de Raad tot de overtuiging gebracht, dat zij te wijten is geweest aan het plotseling uitschieten van de wind naar het NW, zodat de gezagvoerder L. Dobbinga, hierom geen blaam treft, al ware het voor hem raadzaam geweest alvorens zee te kiezen de weerberichten te raadplegen. Uit het onderzoek naar de oorzaken van de stranding is gebleken, dat het schip meer deklast had dan de Schepenwet in verband met de tonnenmaat toelaat; de Raad neemt echter genoegen met het door de gezagvoerder ter verontschuldiging aangevoerde, nl. dat, toen hij het laatst in Nederland was geweest, de Schepenwet nog niet bestond.
Het is de Raad ook niet gebleken, dat de tyfus gevallen aan boord moeten worden toegeschreven aan slecht drinkwater. De gezagvoerder wordt echter voorgehouden, dat het raadzaam is filters mee te nemen.

Afbeelding
Datum 15 december 1911
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Londen, 15 december. Volgens een telegram uit Vigo is het van Savona naar Londen bestemde Nederlandse stoomschip MARIA met lekke ketels en dekschade aldaar binnengelopen. Verder vernemen wij dat het stoomschip MARIA met een lading sinaasappelen van Valencia (niet Savona) naar Londen is bestemd en dat de dekschade is ontstaan door het slechte weer dat op het traject Gibraltar – Vigo werd doorstaan. Gisteren liep de MARIA te Vigo binnen.

Afbeelding
Datum 16 december 1911
Krant NNO - Nieuwsblad van het Noorden

Londen, 15 december. Volgens telegrafisch bericht uit Vigo is het van Valencia naar Londen bestemde stoomschip MARIA met lekke ketels en dek schade aldaar binnengelopen, door slecht weer op het traject Gibraltar naar Vigo. Het oponthoud zal hoogstens vijf dagen zijn.

Afbeelding
Datum 30 december 1911
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 29 december. Het Nederlandse stoomschip MARIA, gisteren van Londen naar hier vertrokken, zal geheel worden nagezien en de schade, die te Vigo voorlopig is gerepareerd, alhier afdoende herstellen.

Afbeelding
Datum 06 juli 1914
Krant NRC - Nieuwe Rotterdamsche Courant

Rotterdam, 6 juli. Volgens een alhier ontvangen telegram heeft het Nederlandse stoomschip MARIA, van Osaka te Portland omvangrijke schade belopen, doordat er aan de wal een grote brand was uitgebroken.

Afbeelding
Datum 08 juli 1914
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Londen, 7 juli. Volgens ontvangen telegram Portland (O.) heeft het daar liggende Nederlandse stoomschip MARIA ten gevolge van een grote brand uitgebroken in het Oceanic-dok aldaar schade belopen, welke vermoedelijk de 500 pond.st. niet zal overschrijden.

Afbeelding
Datum 26 oktober 1914
Krant AH - Algemeen Handelsblad

De tocht van de KARLSRUHE. Volgens een bericht uit Tenerife heeft de Duitse kruiser de volgende schepen in de grond geboord; de bemanningen ervan - 419 koppen - zijn door de CREFELD te Tenerife aan land gezet. De namen van de koopvaardijschepen zijn: STRATHROY (2.807 ton), MAPLE BRANCH (2.761 ton), HIGHLAND HOPE (3.323 ton), INDRIANI, CORNISH CITY (2.431 ton, RIO IGNASSU (2.442 ton), FARN (2.735 ton), NICETO DE LARRINAGA (3.173 ton), CERVANTES (2.932 ton, PRUTH (2.867 ton), LYNROWAN (2.098 ton), CONDOR (1.958 ton) en de Nederlandse boot MARIA (3.649 ton).
De CORNISH CITY had 6.000 ton steenkool aan boord voor Rio en de FARN 4.000 ton voor Montevideo. Deze kolenvoorraden zijn, zoals men begrijpt, voor de KARLSRUHE van veel belang.

Afbeelding
Datum 05 november 1914
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Amsterdam, 8 november. Vijf officieren en 10 man equipage van het door het Duitse oorlogsschip KARLSSRUHE in de grond geboorde Nederlandse stoomschip MARIA, zijn 1 november met het Engelse stoomschip ITALIAN naar Londen vertrokken. De gezagvoerder en de overige bemanning gaan met de eerstvolgende gelegenheid op reis.

Afbeelding
Datum 07 november 1914
Krant RN - Rotterdamsch Nieuwsblad

Rotterdam, 6 november. De gezagvoerder kapt. Jonker en de rest van de equipage van het Nederlandse stoomschip MARIA, zijn gisteren per Frans stoomschip BOUGAINVILLE van Tenerife naar Havre vertrokken.

Afbeelding