|
Raad voor de Scheepvaart. Op vrijdag 13 februari, 2 uur nm., werd behandeld het aan de grond lopen op 1 december 1913 in de Attelbocht (tussen de Golf van Riga en de Finse Golf) van het kofschip ENERGIE. Schipper en eigenaar Kornelis Houwerzijl te Delfzijl. De getuige K. Houwerzijl, schipper en eigenaar van het kofschip ENERGIE, deelt mee dat hij de 25e november van Riga vertrok, beladen met lijnkoeken, met bestemming naar Aarhuis. De bemanning bestond totaal uit 3 koppen. Bij vertrek was het goed weer, doch kort daarna werd het stormweer en werden de zeilen dicht gereefd. De wind was veranderlijk, meest ZW. Ten gevolge van het stormweer geraakte het schip uit de koers, eerst in NW en daarna in noordelijke richting. Toen hij het vuur van Finson peilde NO½O, was het stormweer van WNW met sneeuw en hagelbuien; hij heeft daarna afgehouden en is voor de wind de Attelbocht ingelopen tot behoud van schip en lading. Het schip ging ruim 7 voet diep; volgens de zeilaanwijzingen is deze bocht alleen bevaarbaar voor schepen met een diepgang van niet meer dan 9 voet. Een eind deze bocht ingevaren zijnde geraakte het schip aan de grond. Bij onderzoek bevond men dat men op steengrond was vast gevaren. Men bracht een anker uit en trachtte door hierop te hieuwen vlot te komen, hetgeen niet gelukte; door het lossen van een gedeelte van de lading in kleine boten van de wal kwam het schip na 5 dagen weer vlot en werd naar de haven gebracht. De lading is daar ter plaatse gelost; het schip is er nog en wordt daar overwinterd. De schipper deelt nog mee dat hij noodgedwongen de Attelbocht is ingevaren, aangezien hij het schip niet van de kust kon houden, ankeren was niet mogelijk. De getuige T. van der Pol, kok aan boord van de ENERGIE, eigenlijk schoenmaker van beroep, deelt mee dat hij wel eens aan het roer stond. Het kompas kende hij niet. Behalve de equipage, die uit 3 koppen bestond, was nog de vrouw en een kind van de kapitein aan boord. Deze getuige deelt verder mee, dat de kapitein de avond na de stranding dronken was, ook op zee was hij wel eens dronken en dan moest de stuurman aan het roer staan. De schipper, nogmaals gehoord, wordt gevraagd of het waar is wat de kok verklaard heeft, dat hij dikwijls dronken was, antwoordt, dat hetgeen deze kok dienaangaande verklaard heeft, dat hij dikwijls dronken was, niet waar is. Hij maakt een zeer matig gebruik van sterke drank en is gedurende de reis nooit dronken geweest. Eén van de leden van de Raad is van oordeel, dat het schip onvoldoende bemand is geweest, feitelijk was hij de enige zeeman aan boord, de kok had nooit gevaren en de stuurman, een Duitser, 19 jaar oud, had weinig gevaren en bezat zeer weinig zeemanschap. Het schip, 19 jaar oud, groot 75 ton. is een jaar geleden voor NLG 10.500 aangekocht, er rust een schuld op van NLG 7.000. Hierna wordt het onderzoek gesloten.
|