|
Rotterdam, 17 maart. Directeuren der hier ter stede gevestigde Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen, hebben in hun jongste vergadering, gehouden den 14de dezer, besloten te doen uitreiken, als: - Aan Brata-Yoeda, opperhoofd van het eiland Ra-as, gelegen beoosten het eiland Madura, en benoorden het oostelijk gedeelte van Java, de grote zilveren medaille, voor zijn krachtige bijstand en verleende hulp aan de equipage van het op de 4de oktober l.l. op de klippen nabij gemeld eiland, gestrand en vergaan Nederlands barkschip, de DRIE VRIENDEN (opm: bouwjaar 1842, zie NRC 170151), te huis behorende te Alblasserdam, gevoerd door kapitein R.A. Tange, en haar, na verlaten van het schip, op gemeld eiland vier dagen met alle mogelijke gastvrijheid, kosteloos te verplegen, en behoorlijk voor de veiligheid van het geredde te waken. - Aan Pierre Pichon, gezagvoerder van het Franse loggerschip genaamd ST. PIERRE, te huis behorende te Boulogne-sur-Mer, mede een zilveren medaille, en tweehonderd franken om onder de equipage van zijn schip te verdelen; voor het op den 11de februari l.l. opnemen van de equipage van het door een Engelse stoomboot op de hoogte van Zuid Voorland, overzeilde, en daarna dadelijk gezonken Nederlandse galjootschip JEANNETTE EN ANNA, gevoerd door kapt. E.J. van Braak (opm: zie NRC 010351), komende van Livorno, en bestemd naar Antwerpen, hier ter stede te huis behorende; welke equipage, bestaande uit elf man, zich in de boot had gered, door gemelde kapitein Pichon is opgenomen, en onder allerloffelijkste behandeling te Boulogne voornoemd aan wal gezet; terwijl de stoomboot, zonder naar de equipagie van JEANNETTE EN ANNA om te zien, of hulp te verlenen, dadelijk haar reis heeft vervolgd. - Aan P. Strijbos, voerende het Nederlandse hoekerschip WELKOM, te huis behorende te Vlaardingen, mede een zilveren medaille en vijftig gulden om onder zijn equipage te verdelen, voor het op de hoogte van Plymouth, op de 28ste februari, ziende noodseinen, redden der equipage, bestaande in zeven personen, van het mede door overzeilen van een brikschip, zich in een zinkende staat bevindende hoekerschip de TAAG, gevoerd door F. van der Borden, bestemd naar Lissabon, en hen veilig te Vlaardingen aan wal te brengen, hebbende mede in weerwil der noodkreten, gemeld brikschip zich verwijderd, zonder enige hulp aan de in doodsgevaar verkerende equipage te verlenen. Zijnde bij deze medailles behoorlijke getuigschriften, de edele daad van redding vermeldend, gevoegd. Terwijl mede aan onderscheidene weduwen uit het zo weldadig fonds van wijlen mejufvr. Ida Maria de Raath onderstand is verleend.
|