|
Raad voor de Scheepvaart. De Raad heeft gisteren een onderzoek ingesteld inzake het zinken, na het ontstaan van lekkage, van het zeilschip ALBATROS. Rederij van de ALBATROS was de N.V. Riviermaatschappij Susanna. De kapitein K.E. Zeven verklaarde, dat de ALBATROS een tjalk was van 70 reg. ton. Er was een vergunning om met dit scheepje op de Engelse oostkust te varen. Het schip, hetwelk een lading in had voor Christiania, was bij het vertrek uit Londen zeewaardig. De bemanning bestond uit vier personen. Getuige had voor de te volgen route instructies, welke hij gevolgd heeft, zolang het weer zulks toeliet Het weer is echter steeds slechter geworden, zodat getuige de steven gewend heeft om in de Firth of Forth voor anker te gaan. Toen is echter het stuurboordzwaard bij de kop afgebroken; het zwaard bleef toen los hangen, maar men slaagde er niet in, het kwijt te raken. Hevig sloeg het telkens tegen de wand van het schip, en toen het eindelijk gelukt was, het zwaard kwijt te raken, bleek er een gat in het schip geslagen te zijn. Spoedig begon het schip dan ook zoveel water te maken, dat de pompen het niet meer konden bijhouden. Spoedig nadat de bemanning het schip verlaten heeft, is dit gezonken. Een Duits schip heeft de schipbreukelingen opgepikt. De stuurman en een matroos verklaarden ongeveer gelijkluidend. De Raad zal later uitspraak doen.
|