Inloggen
CATHARINA SOPHIA - ID 13757


In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:1846-02-28 / 1850-04-06 | Reden uitgevlagd: Verongelukt of vermist (zie final fate)

Identification Data

Bouwjaar: 1840
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Sailing Vessel
Type: Tjalk
Masten: One mast
Material Hull: Wood
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: J.W. Pattje, Waterhuizen, Groningen, Netherlands
Delivery Date: 1840-00-00
Technical Data

Net Tonnage: 27.00 lasts
 
Length 1: 19.28 Meters Registered
Beam: 3.38 Meters Registered
Depth: 1.77 Meters Registered
Zeebrieven en Turksche passen

Record type Zeebrief
Zeebrief jaar: 1846
Datum agenda: 1846-02-28
Register nr: 18460088
Scheepsnaam: CATHARINA SOPHIA
Type: Tjalk
Lasten: 27
Gebouwd in provincie: Groningen
Gebouwd in binnen- of buitenland: Binnenlands
Zeebrief / Turksche pas verzocht door: Spanjer, J.
Plaats: Groningen
Kapitein op moment van verzoek: Spanjer, J.
Opmerkingen: eerste zeebrief

Bekijk de overige zeebrieven / Turksche passen van dit schip
Ship History Data

Date/Name Ship 1846-02-19 CATHARINA SOPHIA
Manager: Johannes H. Spanjer, Groningen, Groningen, Netherlands
Eigenaar: Johannes H. Spanjer, Groningen, Groningen, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Groningen / Netherlands

Ship Events Data

1850-04-06: Final Fate: Sunk

Opregte Haarlemsche Courant 15-4-1850
Den 7de dezer is op de Elbe, aangevaren en gezonken eene Hollandsch tjalk, van Gent naar Hamburg, vermoedelijk het schip CATHARINA SOPHIA, kapt. Spanjer.
1850-04-06: Final Fate: Sunk

Groninger Courant; 12-4-1850.
De Börsenhalte meldt uit Cuxhaven , d.d. 7den April : Gisteren is een Hollandsche tjalk, waarschijnlijk CATHARINA SOPHIA , kapit. Spanjer, van Gent, door den Holsteinschen schooner SANI, kapit. Brandt, van Triëst, bij de "Oste" aangezeild en gezonken.

Gezagvoerders

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

Geen

 

Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)

In de notulen van de Bestuursvergadering van het Amsterdamscche zeemanscollege “Zeemanshoop” dd 31 januari 1839 staat een verzoek om onderstand van J.Spanjer “als hebbende op het IJ door storm zijn tjalkschip verloren”. Het Bestuur zal een bus voor het ontvangen van giften plaatsen.042

Ik vraag mij af of dit dezelfde Spanjer is als de hierna genomede kapitein.I

 

De schepen van de kapitein

Bouma025 vermeldt J.Spanjer als gezagvoerder gedurende:

*      1847 t/m 1851 van de tjalk “Catharina Sophia”, gebouwd in 1846 te Heren/Ems, 51 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Groningen.

        Lloyd’s vermeldt087: “14 Okt 1850  CATHARINA SOPHIA  wrecked.”

Als deze Lloyd’s opgave inderdaad op dit schip slaat dan moet de vaarperiode t/m 1850 zijn.

*      1852 t/m 1854 van de smak “Catharina Sophia”, gebouwd in 1838 te Sappemeer, 60 ton o.m., varend voor A.Smaal te Delfzijl;

*      1855 op hetzelfde schip, maar nu als kapitein/eigenaar vanuit Delfzijl. Op weg van Ystad naar Rotterdam, bij Wijk aan Zee gestrand en wrak;

*      1857 t/m 1861 van de kof “Avontuur”, gebouwd in 1841 te Groningen, 53 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Amsterdam. Het schip is in 1861 gestrand bij Zingst, afgebracht en als wrak verkocht.

 

Overige bijzonderheden

De “Catharina Sophia”, van Ystad naar Rotterdam, onder gezag van kapitein Spanjer, is op 11 oktober bij Wijk aan Zee gestrand en verbrijzeld.078.

 

 

Datum vanaf: 1846
Kapitein: Spanjer, J.

Monsterrollen

Opgemaakt Groningen
Datum: 1846-03-05
Scheepsnaam voorvoegsel:
Scheepsnaam: CATHARINA SOPHIA
Schipper: Spanjer, Johannes
Scheepstype: tjalk
Grootte:

Bekijk alle monsterrollen
Algemene informatie

1846

GRC 240346
Zoutkamp, 20 maart. Uitgezeild KATRINA SOPHIA, Spanjer naar Nordersleuse.
GRC 250946
Amsterdam, 22 september. Binnengekomen CATHARINA SOPHIA, Spanjer van Hartlepool.

1847

GRC 260247
Delfzijl, 25 februari. Uitgezeild CATHARINA SOPHIA, Spanjer naar Norden.
NRC 091247
Cargalijst Amsterdam. CATHARINA SOPHIA, Spanjer van Eckernfiorde met 700 tonnetjes gerst.

1848

GRC 040447
Vlie, 30 maart. Uitgezeild CATHARINA SOPHIA, Spanjer naar Rendsburg.
PGC 050548
Uit Kiel wordt van de 29e april bericht, dat kapt. Kroon, schip CATHARINA HENDRIKA, met stukgoederen naar Lubeck, kapt. Van Sluis, schip ETTINA, kapt. De Jong, schip CATHARINA CORNELIA, alle drie van Londen, de beide laatsten met suiker naar Koningsbergen, en CATHARINA SOPHIA, kapt. Spanjer, van Hamburg in ballast naar Mollerup, welke alle door het voor de haven liggende Deense oorlogsschip teruggewezen zijn, zich bij de Nederlandse consul aldaar hebben aangemeld. De schepen liggen bij Holtenau.
NRC 150548
Men leest in de Staatscourant:
Nadere bij de regering ontvangen berichten van Zr.Ms. minister-resident bij het Deense hof, van de 5e, de 6e en de 7e dezer maken melding van nieuwe door hem bij het ministerie te Kopenhagen gedane stappen ter zake van een herhaalde terugwijzing en aanhouding van Nederlandse schepen door een Deens oorlogsschip bij het uitzeilen van het Sleeswijk-Holsteinse kanaal en zulks alvorens dat kanaal werkelijk geblokkeerd en de blokkade ter kennis van het publiek was gebracht.
De aangehouden en aan Jhr. Martini bekend gemaakte schepen waren: de JACOBA, kapt. Muntendam, waarvan reeds vroeger melding is gemaakt, voorts de CATHARINA HENDRIKA (opm: naam kapt. niet vermeld), met koopgoederen van Londen naar Lübeck, de EDDINA, kapt. Van Sluis, met suiker van Londen naar Koningsbergen, de CATHARINA CORNELIA, kapt. De Jong, met suiker van Londen naar Koningsbergen, de CATHARINA SOPHIA, kapt. Spanjer, in ballast van Hamburg naar Seeland bestemd. Bovendien was het schip WUBBINA CATHARINA, kapt. Tanjer, hetwelk de 19e april het kanaal had verlaten en de 22e te Gravestein was aangekomen met een lading rogge, op de 25e april, toen het zijn lading wilde lossen, door een Deense oorlogs-stoomboot uit de haven eerst naar Holnis en vervolgens verder gesleept, ten aanzien van welk laatste geval echter bijzonderheden worden gemeld, welke een nader onderzoek zullen nodig maken.
De nota van ’s konings minister-resident, waarbij, onder opgaven van al het voorgevallene, het volste vertrouwen op de billijkheid van het Deense gouvernement werd uitgedrukt, en de vaste overtuiging werd te kennen gegeven, dat ook ten aanzien van de thans vermelde gevallen dezelfde orders tot loslating en billijke schadevergoeding zouden worden uitgevaardigd, is, even als de vroegere, door de Deense minister van buitenlandse zaken eerst mondeling en daarna schriftelijk in de meest welwillende bewoordingen beantwoord geworden, onder bijvoeging, dat men van de zijde van Denemarken al het mogelijke zal doen om de door oponthoud of anderszins veroorzaakte schade te vergoeden, en deswege de nodige opgave tegemoet ziet. Daarbij is tevens het uitzicht geopend op de uitreiking van vrijpassen aan zodanige der vrij te laten Nederlandse schepen, welke bestemd mochten zijn naar havens, welke thans werkelijk zijn geblokkeerd, met inbegrip van de te Kopenhagen of te Elseneur aangehouden Nederlandse schepen, welke naar havens in de Oostzee bestemd zijn.
Reeds zijn door ’s konings minister-resident de verschillende in deze betrokken consuls uitgenodigd om hem ten spoedigste de vereiste mededelingen en opgaven te doen toekomen, om van dezelve zodanig gebruik te maken, als de aard der zaak zal komen mede te brengen.
Eindelijk wordt door de minister-resident nog gemeld, dat door de Deense regering is afgezien van het blokkeren van de Elbe en van Lübeck, zodat ook de mond van de Eider of de westelijke ingang van het Sleeswijk-Holsteinse kanaal vrij blijft. Volgens een bekendmaking van de Deense minister van marine van de 4e mei zijn de thans werkelijk in staat van blokkade gestelde havens de volgende: Pillau, Dantzig, Swinemünde , Stralsund, Rostock, Wismar en Kiel met het Sleeswijkse Kanaal. In deze opgave is Stettin niet begrepen, doch daarentegen wel Swinemünde, waardoor intussen eerstgenoemde plaats als van zelf is geblokkeerd. Volgende voorts uit deze bekendmaking, dat de havens in vroegere opgaven, doch niet in deze laatste vermeld, te beschouwen zijn als niet werkelijk (effectief) geblokkeerd te zijn.
GRC 291248
Londen, 23 december. Binnengekomen CATHARINA SOPHIA, Spanjer van Groningen.

1849

NRC 030249
Londen, 31 januari. Uitgeklaard CATHARINA SOPHIA, Spanjer naar Rotterdam.
AH 210949
Hamburg, 15 september. Binnengekomen CATHARINA SOPHIA, Spanjer van Harwich.

1850

NRC 110350
Gent, 7 maart. Uitgezeild CATHARINA SOPHIA, Spanjer naar Hamburg.
AH 170450
Cuxhaven, 7 april. Gisteren is een Nederlandse tjalk, vermoedelijk de CATHARINA SOPHIA, kapt. Spanjer, van Gent komende, door de Holsteiner schoener SANI, kapt. Brandt, van Triëst, bij Oste aangezeild en gezonken. 
>

Kroniekberichten

Toon kroniekberichten
Akten

GRONINGER ARCHIEVEN archiefnummer Gron.883.2137.2140.1846.84
DVD IX - foto 140, 141
__________________________________________________
Bijlbrief
Naam schip CATHRIENA SOPHIEA

Plaats en datum acte Waterhuizen, 19 februari 1846

Type schip: overdekt tjalkschip

Bouwwerf: Jans Wichers Pattje, scheepsbouwmeester te Waterhuizen

Eigenaar: Johannes H. Spanjer

Te voeren door kapt: A.A. Potjer

Grootte in tonnen / lasten: 27 lasten (Meetbrief nr. 17 d.d. 18 februari 1846 afgegeven door scheepsmeter Mars)


Tuigage en aantal dekken:

Afmetingen: lang 19,20 m., breed 3,37 m., hol 1,77 m.

Kiellegging:

Tewaterlating: 1840

Plaats / datum van registratie: Groningen, 21 februari 1846

Nummer van registratie: deel 15 folio 77 verso vak 1

Notaris:

Prijs:

Bijzonderheden:

Het schip werd op de datum van de bijlbrief nog bevaren en gebruikt door Spanjer.




Researcher/datum research: GM / 100908


Naam CATHIENA SOPHIEA
Archiefinstelling Groninger Archieven
Jaar 1846
Toegang 883
Inventaris 2137

Bronnen

Jaar: 0000
Bron: GRONINGER ARCHIEVEN
Omschrijving: Notaris mr. W. Laman Trip te Groningen, toegang 1870, inv. nr. 31, 3 maart 1840.
Register van bijlbrieven arr. rb. Groningen, pag. 107.