Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt B.M.Prins als gezagvoerder gedurende:
* 1818 van de tjalk “Vrouw Meta”, geen vermelding van bouwgegevens, thuishaven en eigenaar. Het schip werd 2 keer te Harlingen geregistreerd komend met pannen van Itzehoe.
Overige bijzonderheden
Leeuwarder Courant 20 maart 1818114
Harlingen, 16 maart. Heden zijn alhier binnengekomen het tjalkschip de VROUWE METTA, kapt. Berend M. Prins, van Sneek gekomen om alhier te worden beladen, en het tjalkschip de JONGE JAN, kapt. Bartle P. de Vries, met ballast van Calais.
Leeuwarder Courant 24 maart 1818114
Harlingen, 21 maart. Heden zijn uitgezeild: het kofschip ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het kofschip ALIDA CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. Tibbe Smit, het smakschip de VROUW MARTHA, kapt. Dirk C. de Groot, het smakschip de VROUW LAMMEGINA, kapt. Otto P. Smith, het smakschip de VROUW GESINA, kapt. Thole P. Veen, het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Cort W. Stoet, het kofschip de GOEDE VERWAGTING, kapt. Jurjen T. Schuuring, alle met ballast naar Noorwegen; het smakschip de GOEDE HOOP, kapt. Berend J. de Jong, met ballast op avontuur naar de Oostzee, het kofschip de JONGE YPEUS, kapt. Harm de Weerd, het kofschip de VROUW ELISABETH, kapt. Frans B. Nipperus, beide met pannen naar de Oostzee, het tjalkschip METTA, kapt. Berend Martens Prins, met pannen, vloeren en muursteentjes naar Itzehoe, het tjalkschip de VROUW ZWAANTJE, kapt. Andries Joseph Kramer, met stukgoederen van Amsterdam naar Bremen, den 19 als bijlegger alhier binnen gelopen, na gedane reparatie het tjalkschip de 2 GEBROEDERS, kapt. Berend J. Korfker, met gerst van Hamburg naar Schiedam, zullende de reis verder binnendoor voortzetten, en is alhier binnen gekomen het smakschip de JONGE MARTHA, kapt. Jan Foekes Zijlstra, ledig van Amsterdam.
Familiegegevens en opleiding
Lubbert werd geboren op 03 december 1789 te Oude Pekela als zoon van Hindrik Everts Duin en Wijbertje Lubberts.
Lubbert Hindriks trouwde op 01 november 1817 te Oude Pekela als zeeman met Geertruid Hendriks Smit, geboren op 29 november 1789 te Oude Pekela te Oude Pekela als dochter van Hindrik Jans Smit en Remke Reints Brons. Hendrik ondertekende de huwelijksakte als “Geertruida H.Smith”. Geertruid Smit overleed te Oude Pekela, 77 jaar, weduwe.
Geen overlijdensakte gevonden, maar in een huwelijksakte van een zoon in 1853 wordt vermeld dat vader Lubbert is overleden.
Burgerlijke Stand akten in de provincie Groningen vermelden Lubbert als zeeman in 1817, 1822, als schipper in 1823, 1826.
Lidmaatschap van zeemanscolleges
L.H.Duin was effectief lid van het naamloze zeemanscollege te Pekel-A met vlagnummer 8 in 1827.
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt L.H.Duin als gezagvoerder gedurende:
* 1829 t/m 1833 van de koftjalk “Jonge Remko”, gebouwd in 1818, bouwlocatie niet vermeld, 92 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela.
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaarrtmuseum te Groningen vermeldt een rol dd 24 maart 1815 van he schip “Vrouw Rebekka” onder schipper Frans Harms Seven en stuurman Lubbert H.Duin uit Groningen.
Overige bijzonderheden
Geen