|
Harlingen, 23 juli. Den 17 juli is van hier uitgezeild het kofschip de VROUW ALIDA, kapt. Jan Klasen, met ballast naar Noorwegen.
Den 18 dito is alhier binnengekomen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Jurjen J. Schuuring, met hout van Nerva (opm: Narva, Estland) en zijn van hier uitgezeild het kofschip CONCORDIA, kapt. Jan C. Nap, met haver naar Liverpool, het kofschip CATHARINA, kapt. Daniel Tobbens, het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwijn en het smakschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Harm H. Stuit, alle drie met ballast naar Noorwegen, het tjalkschip MARIA SOPHIA, kapt. R.D. Lovius, met haver naar Londen, en het smakschip de JONGE HERMANUS, kapt. Lolke A. Pranger, met haver naar Newcastle.
Den 19 dito is alhier binnen gekomen het smakschip de WAAKZAAMHEID, kapt. Coert W. Stuit, en het smakschip de HERSTELLING, kapt. Hendrik Jansen, beide met hout van Noorwegen en zijn van hier uitgezeild het smakschip de VRIENDSCHAP, kapt. Klaas J. de Boer, en het smakschip de JONGE DANIEL, kapt. H.J. Oortjes, beide met ballast naar Noorwegen.
Den 20 dito is van hier uitgezeild het smakschip de VROUW ANNA, kapt. Roelof H. Pot, met schors, tarwe en haver naar Hull.
Den 21 dito is alhier binnen gelopen het kofschip de GOEDE VERWACHTING, kapt. Hijlke W. Overmeer, met ballast van Hull, en is van hier uitgezeild het kofschip de ANNA EN CATHARINA, kapt. Broer R. de Vries, het smakschip de VROUW CATHARINA, kapt. Harmanus Slehuis, het kofschip ALIDA EN CLASINA, kapt. Egbert L. Tiktak, en het tjalkschip de VROUW JELTJE, kapt. Jan H. Zeven, allen met ballast naar Noorwegen.
|