|
Amsterdam, 18 april. Kapt. P.A. Schuring, gevoerd hebbende het schip HELENA, van Dantzig (opm: Gdansk) naar Amsterdam, meldt van Pekel-A, van den 14 april, dat hij den 2 dito van Tonningen (opm: Tönning) gezeild zijnde, de volgende dag de Eems had willen binnenlopen, doch de tonnen door de harde wind verdreven en het weêr dik en mistig zijnde en geen loods kunnende krijgen, ten anker gekomen was; dan des avonds het anker brekende, was het schip tegen het strand gedreven, en, ofschoon met behulp van Blankenezer everlieden het beste anker uitgebragt werd, nog diezelfde avond vol water geraakt en tussen den 4 en 5 dito totaal verbrijzeld; de equipagie was met levensgevaar, zonder iets te kunnen bergen, gered; van de takelagie was niets, en van de lading slechts 22 balken en enige delen (opm: planken) geborgen.
|