Familiegegevens en opleiding
Hindrik werd geboren ca. 1766 te Veendam als zoon van Jan Deddes.
Hindrik Jans Deddes trouwde op 17 december 1797 te Veendam met Hindrikjen Jans Smit/Smith/Smid, geboren ca. 1775 te Loppersum. Hinderkien overleed op 28 maart 1830 te Veendam, 65 jaar.
Hindrik overleed op 25 oktober 1856 te Veendam, 90 jaar, rentenier, weduwnaar.
Burgerlijke Stand akten uit de provincie Groningen vermelden Hindrik als schipper in 1823 en als rentenier in 1840, 1856.
Lidmaatschap van zeemanscollege(s)
H.J.Deddes was effectief lid van het Veendammer zeemanscollege “Maatschappij tot Nut der Zeevaart” met vlagnummer K3 resp. 60 in de periode 1828 t/m 1830.
De schepen van de kapitein
Geen vermelding van een kapitein Hindrik Jans Deddes bij Bouma.
De collectie monsterrollen op het Noordelijk Scheepvaartmuseum te Groningen vermeldt”
27 januari 1817, schip “Vrouw Gesina”, schipper Folkert J.Deddes, stuurman Hindrik J.Deddes.
21 februari 1818, schip “Vr. Hinderina”, schipper Hindrik Jans Deddes.
20 maart 1820, schip “Vr. Hinderina”, schipper Hindrik Jans Deddes.
06 april 1821, schip “Eendragt”, schipper Jan Hindriks Deddes, stuurman Hindrik Jans Deddes.
Familiegegevens en opleiding
Sipke werd gedoopt te Oude Pekela op 18 november 1781 als zoon van Esdert Hinderks en Frouwke Jacobs.
Sipke trouwde op 26 december 1808 te Nieuwe Pekela met Geessien Reints Fijn, gedoopt te Oude Pekela op 05 december 1779 als dochter van Reint Jacobs en Janna Tammes de Ruiter. Geessien overleed te Oude Pekela op 26 oktober 1811.
Sipke hertrouwde te Oude Pekela op 20 december 1817 als schipper met de dienstmeid Fennigje/Fennechien Egberts Mooi, gedoopt op 12 juni 1785 te Oude Pekela als dochter van Egbert Jans en Geertruid Roelfs.
Sipke en Fennigje zouden zijn omgekomen op zee omstreeks 20 januari 1845 (Zie: http://www.dewijk.org/genealogie/Scherpbier.html) maar deze opgave klopt niet want de Groninger Courant van 17 juni 1845 meldt de passage te Rendsburg op 07 juni van kapitein Scherpbier met “De Hoop” van Danzig naar Bremen. (zie hierna)
Groninger Courant 24 oktober 1845
Vertrokken van Bremerhaven den 15 oktober HILLEGINA ALBERDINA, kapt. Wolkammer en de HOOP, kapt. Scherpbier, beide naar Amsterdam. (opm: volgens een Akte van Bekendheid van 23.12.1847 is de kof HOOP, bouwjaar 1830, kapt. Sipke Edsert Scherpbier, 63,) met tabak en stukgoederen onderweg van Bremerhaven naar Amsterdam, op 20 of 21 oktober 1845 ter hoogte van Spiekeroog met man en muis verongelukt; de medeopvarenden waren o.a. schipperske Fennechien Egberts Scherpbier-Mooi, 60, stuurman Egbert Sipkes Scherpbier, 25, en koksmaat Sipke.
In een huwelijksakte dd. 25 januari 1848 te Oude Pekela van dochter Frouwke wordt vermeld dat vader Sipko is overleden. Dit duidt op een overlijden tussen 1845 en 1848.
In Burgerlijke Stand akten uit de provincie Groningen wordt Sipke/Sipko Scherpbier vermeld als schipper in 1817, 1818, 1820, 1822, 1824, 1829, 1843.
Lidmaatschap van zeemanscollegesi
S.E.Scherpbier was effectief lid van het naamloze zeemanscollege te Pekel-A met vlagnummer 51 in de periode 1827 t/m 1847.
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt S.E.Scherpbier als gezagvoerder gedurende:
* 1830 t/m 1848 (moet wellicht zijn 1845) van de kof “de Hoop”, gebouwd in 1830, 80 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela;
Het Archief van de Amsterdamse Waterschout11a bevat monsterrollen op naam van kapitein Sipke E. Scherpbier op de:
“Twee Gebroeders”, dd 12 september 1818
De monsterrollencollectie op het Noordelijk Scheepvaart Museum te Groningen vermeldt:
03 maart 1815, schip “Twee Gebbroeders”, kapitein Sipke E.Scherpbier.
22 februari 1839, schip “Hoop”, kapitein Sipke Edzarts Scherpbier uit Oude Pekela.
22 februari 1840, schip “Hoop”, kapitein Sipko Edzards Scherpbier uit Oude Pekela.
22 februari 1842, schip “Hoop”, kapitein Sipke E.Scherpbier uit Oude Pekela.
18 februari 1845, schip “Hoop”, kapitein Sipke E.Scherpbier uit Oude Pekela.
Krantenberichten
Leeuwarder Courant 25 mei 1819114
Harlingen. Den 20 mei binnen gekomen ….
Den 22 dito binnen gekomen het tjalkschip de JONGE ELISABETH, kapt. Tjerk IJ. de Vries, met weit (opm: tarwe) van Dantzig, de smakschepen BONTJE JOHANNA, kapt. K. de Eekamp, met hout van Elbing en de TWEE GEBROEDERS, kapt. S.E. Scherpbier, ledig van Zwol (opm: Zwolle). ….
Leeuwarder Courant 06 augustus 1819114
Harlingen. Den 29 juli binnen gekomen ….
Den 31 dito binnen gekomen het kofschip de JONGE DIRK, kapt. Thomas S. Smit, ledig van Amsterdam, het smakschip GEERTRUDA, kapt. J.J. Juister, en het tjalkschip de TWEE GEBROEDERS, kapt. Sipke E. Scherpbier, beide met hout van Dantzig (opm: Gdansk), het smakschip de VROUW HELENA, kapt. Joseph Bolwien, met hout van Noorwegen. Uitgezeild het sloepschip UGLAND, kapt. Thomas Christoffelsen, met ballast naar Noorwegen, het kofschip de JONGE RINGER, kapt. Jurjen J. Brouwer, met ballast op avontuur naar de Oostzee. ….
Leeuwarder Courant 30 mei 1820114
Harlingen. ….
….Den 26 dito binnengekomen de tjalkschepen de VROUW MARGARETHA, kapt. A.H. Stuur, met hout van Noorwegen, en de TWEE GEBROEDERS, kapt. S.E. Scherpbier, met rogge en garst van Wismar…..
Leeuwarder Courant 13 juni 1820114
Harlingen. …Den 8 dito …Uitgezeild de tjalkschepen de TWEE GEBROEDERS, kapt. H. Otten, met vloerstenen naar Hamburg, de TWEE GEBROEDERS, kapt. S.E. Scherpbier, met pannen op avontuur.
Rotterdamsche Courant 08 mei 1821114
Amsterdam, 6 mei. Te Rouaan zijn gearriveerd Boutin en Bruins; te Hamburg Krohs van Antwerpen en C. Koster van Zaandam; te Rendsburg A.J. Boiten en S.E. Scherpbier van Groningen; te Pillau (opm: Baltiysk) F. Zimmerman van Amsterdam.