|
Kaptein R.J. Duyf (opm: kapt. Reind J. Duijff), wiens schip genaamd CONCORDIA beladen ter rede lag, met zijn papieren te Riga teruggekomen zijnde om te klareren, was die ochtend naar de Boldera gegaan, om naar de toestand van zijn schip te vernemen, doch had hetzelve niet meer gevonden. Zijnde, volgens zeggen der loodsen, vijf of zes mijlen bewesten het Gat totaal verongelukt, zo men vreesde met al het volk. Volgens andere berichten zouden er nog verscheidene schepen, ter rede liggende, verongelukt zijn. (opm: de fluit had vanaf 1810 – mogelijk eerder – in Amsterdam opgelegd gelegen en was in juni 1814 weer in de vaart gegaan)
|