|
Vlissingen, 11 maart. Den 7 dezer is alhier ter rede gekomen het schip JOHANNA CORNELIA, kapt. A. Zeeuwen, van Duinkerken naar Rotterdam bestemd, met wijn. Den 8 dezer is van quarantaine ontslagen en naar Antwerpen opgezeild: THE GOLD HUNTER, kapt. J. Weelwright, van de Havanna met suiker. Voorst zijn van den 7 dezer tot heden, voor Antwerpen bestemd op onze rede aangekomen: JOHANNA ALIDA, kapt. J.J. Kortrijk (opm: kof JOHANNA EN ANNA ALIDA, kapt. Jan Jacobs Kortrijk), van Nantes met wijn enz.; MADISSON, kapt. J.M. Atkins, van Charlestown met rijst en katoen; DE EMILIE, kapt. M. van der Kerkhoven, van Londen met stukgoederen; ARIS EN ABEL, kapt. S. Perrier, van Duinkerken met wijn; LA VICTOIRE, kapt. J. Maurer, van Bordeaux met huiden en wijn. Eergisteren is van hier vertrokken Zr.Ms. fregat AMSTEL, gevoerd door de kapitein-ter-zee T. Bakker, gedestineerd naar Rio de Janeiro en de kust van Guinea. Gisteren is van onze rede gezeild: LE JEUNE FRANÇOIS, kapt. F. Duperriez, uit zee naar Bordeaux met zink. Van Antwerpen zijn de Schelde afgekomen, en van den 9 dezer tot heden van onze rede naar zee gezeild: LE COUREUR, kapt. B. Bousin, naar Havre-de-Grace met geweren en suiker; CHRISTINE VOS, kapt. N.A. Smaal, naar Oléron met ballast; DE MARIA, kapt. A. Vollemare, naar Bayonne met lijnwaden; DE JONGE BAREND, kapt. B. van Wijk, op avontuur; DE JUNO, kapt. N. Heirman en DE VROUW REGINA, kapt. J.H. Koop, beide naar Bayonne; DE GUSTAVE, kapt. P. Blay, naar Bordeaux; DE VROUW ELISABETH, kapt. E.J. van der Molen naar Tremblade; LA CLEMENCE, Kapt. C. Briant naar St. Malo; DE WILLEM, kapt. H.W. Kiers naar de Marennes en DE TWEE GEBROEDERS, kapt. S.J. Brouwer naar Oléron, alle acht met ballast; THE VENUS, kapt. R. Dorey, naar Guernsey met kaas en geweren; JOHAN GEORGE, kapt. W.D. Kleininga, naar de Marennes met ballast; THE FANCY, kapt. G.S. Marshall, naar Sandwich met stukgoederen; GEZINA, kapt. R.F. Taay, naar Tremblade met ballast; DE JONGE ISABELLA, kapt. H.B. Drent, naar Tinmouth (opm: waarschijnlijk Teignmouth) met boomschors; WILHELMINA CATHARINA, kapt. Z. Olsen, naar St. Ubes met ballast; ELEONORE, kapt. F.L. Roturier, met jenever en DE JONGE WILLEM, kapt. P.Y. Jobs, met ballast, beide naar Bordeaux; JOHANNA HAZINA, kapt. D.T. de Jonge, naar de Marennes, en WEMELINA KRANENBURG, kapt. J.J. Pranger naar Oléron, beide met ballast; DE NEPTUNES, kapt. P. Petyt, naar St. Jago met stukgoederen; JULIA, kapt. J.P. Visser, op avontuur; ANNEGINA, kapt. H.J. Potjer, naar de Marennes; DE VROUW IKINA, kapt. G.J. Postema naar Oléron en THE HERO, kapt. G. Romeril naar Guernsey, alle vier met ballast; METEORE, kapt. L. de Necker, naar Rio de Janeiro met stukgoederen; HORTENSE, kapt. J.Y. van der Zweep, naar de Marennes met ballast; LA JOYEUSE ARRIVÉE, kapt. F. Beniest, naar Londen met boomschors; BRIJLIGERDAGEN, kapt. H. Hansen naar St. Ubes en AGENORIA, kapt. F. Winsor naar Boston, beide met ballast; THE GEORGE, kapt. G. Beth en ARETHUSE, kapt. H.A. Busse naar Bordeaux; DE VROUW ANNA, kapt. H.J. Korter naar Nantes; LE FRANÇOIS, kapt. J.B. Guerin naar Marseille; ZEPHYR, kapt. J. Willaert naar Bordeaux; MASSASUSHET (mogelijk MASSACHUSETTS), kapt. B. Holmes naar Walles en LE JULES, kapt. P. Metaijer naar Bordeaux, alle zes met ballast; DE VROUW HENDRINA, kapt. K. van den Oever, naar Londen met boomschors; DE JOHANNA, kapt. H.E. Mulder, op avontuur met ballast; L’ALLIANCE, kapt. J. Bouvais, naar Duinkerken met stukgoederen.
|