Inloggen
ALIDA - ID 10305


Kroniekberichten

Datum 24 november 1829
Krant RC - Rotterdamsche Courant
Type bericht Binnenlandse berichten gearriveerde, vertrokken schepen

Rotterdam, 23 november. De 21e dezer, arriveerden te Helvoetsluis DE VRIENDSCHAP, kapt. R. Westerborg, van Dantzig; BELVEDERE, kapt. J.J. Gors, van Libau en AMASIS, kapt. S. Visser, van Riga.
De 23e, des morgens, zeilden van Helvoetsluis DE JONGE ADRIANA, kapt., H. Bruhn, naar Batavia en HENRIETTE, kapt. J.S. Schutt, naar St. Ubes.
De 23e, des morgens, zeilden uit de Maas DE HOOP, kapt. L. Teunis en AGENORIA, kapt. W. van der Kolff, naar Suriname; HARMONIE, kapt. J. Rooderkerk, naar Cette; ’S LANDS WELVAREN, kapt. W. Schep, naar Gibraltar; HESPERUS, kapt. A.J. Onswedder, naar Liverpool.
De 23e dezer, des morgens, zeilde van Maassluis DE ONDERNEMING, kapt. J.C. Veerman, naar Duinkerken.
Te Antwerpen zijn gearriveerd FORTUNA, kapt. Buysman, van Malaga; AUGUSTA CATHARINA, kapt. Dreyer, ALEGONDA IDA, kapt. Hendriks en ALIDA, kapt. Hughes, van Riga; JONGE AUGUST, kapt. Durand, van Rio-Grande en MEDUSE, kapt. Bunnemeyer, van Londen.

Afbeelding
Datum 11 december 1830
Krant OHC - Opregte Haarlemsche Courant

Advertentie. J.B. Breukelman, J.N. van Houten en J. van Alphen Gz., makelaars te Rotterdam, zijn van mening op dinsdag den 14 december 1830, des voormiddags ten elf ure, in het Notarishuis, op de Gelderschekade, als daartoe behoorlijk geauthoriseerd en ten overstaan van den Heer Griffier van de Rechtbank van Koophandel, in het openbaar aan de meestbiedende om contant geld, in entrepot, te verkopen: Circa 1000 Buenos Ayres huiden, allen weinig, meer, veel en slecht door zeewater nat en beschadigd, gelost uit de van Buenos Aires gekomen schepen CLÉMENCE, kapt. R.R. de Haan, ALIDA, kapt. A.M. Hughes, en MERCEDITAS, kapt. R.O. Brien, en zulks bij kavelingen, zoals die zullen liggen op een zolder aan de Leuvehaven, westzijde, Wijk C, no. 348, en op een zolder van ’s Rijks vrij entrepot, in de Boompjes. (opm: verder onleesbaar)

Afbeelding
Datum 02 juli 1831
Krant RC - Rotterdamsche Courant
Type bericht Schepen in lading

Advertentie. Te Rotterdam liggen in lading:
Naar Havanna, mede voor passagiers, voor welk bijzonder goed is ingericht het Nederlands
tweemast galjootschip ALIDA, kapt. Arthus M. Hughes, om op den 2 juli aanstaande te vertrekken.
Naar Liverpool, het Nederlands hoekerschip ELIZABETH EN CORNELIA, kapt. P. Janzen.
Adres bij Hudig en Blokhuijzen.

Afbeelding
Datum 31 oktober 1832
Krant AH - Algemeen Handelsblad

Volgens bericht uit Smyrna 19 september laatstleden, was aldaar liggende, het schoenerschip ALIDA, kapt. Hughes, onder Nederlandse vlag; hetzelve was te Triëst bevracht om een lading, van Smyrna naar Antwerpen te vervoeren, dit bericht kwam mij zonderling voor doch het artikel heden in UEds. blad voorkomende helpt mij uit de droom, het gebeurde te Havanna met kapt. Hughes bewijst de partijdigheid van de schipper, een bevrachting onder Nederlandse vlag na een vijandelijke haven komt eenen bedenkelijk voor. Het belang van onze nationale scheepvaart vordert dus de bedrijven van de schippers en ook van de reders te onderzoeken en na mijn inzien is het van belang dat bij de aankomst van die bodem te Vlissingen, ook deze zaak eens ernstig onderzocht wordt.

Afbeelding
Datum 03 november 1832
Krant AH - Algemeen Handelsblad

Uit Smyrna wordt onder dagtekening van 19 september laatstleden bericht, dat sedert den 1 juli laatstleden, de volgende Nederlandse schepen aldaar zijn aangekomen: De EENDRAGT, kapt. C. van Gelderen, uit Vlaardingen; De JONGE MARIA, kapt. G.J. Meeuw, uit Rotterdam en Marseille; De JOHANNA, kapt. E. Bergman, uit Rotterdam; De HENDRIKA ELISABETHA, kapt. D. Miercke, uit Rotterdam; De ALIDA, kapt. A.M. Hughes, uit Triest. Alle deze schepen waren voornemens een lading naar Holland in te nemen, behalve het laatste, hetwelk naar Antwerpen bevracht was tot NLG 62 per last. De twee eerste zouden in het laatst van die week zeilen naar Rotterdam en de JOHANNA zou met het schip AMSTERDAM, kapt. de Jong, denkelijk volgen in het begin van augustus. Het was te die tijd te Smyrna bekend dat de MILTIADES, kapt. Corbière en de SNELHEID, kapt. Schackel, zich in de buurt van Konstantinopel bevonden en door noorden wind werden opgehouden om te Smyrna te komen laden. De menigte vreemde schepen, meest Oostenrijkse en Engelse, uit Triëst aangekomen en bevracht naar Hamburg, Bremen, Stettin, Amsterdam en Antwerpen, zullen waarschijnlijk nadeel doen aan onze handel en scheepvaart en veroorzaken te Smyrna een grote rijzing in de prijzen van de vruchten. De staat van de gezondheid was in de stad en omstreken volkomen goed, ofschoon de pest hevig in Konstantinopel en de cholera in Syrië heerste. Sedert den 1 mei 1831 tot den 1 juni 1832, zijn er zeven Nederlandse schepen te Smyrna aangekomen, terwijl er sedert 20 september 1831 tot 21 juni 1832, negen van daar vertrokken zijn.

Afbeelding
Datum 03 november 1832
Krant MCO - Middelburgsche Courant
Type bericht Binnenlandse berichten, diverse

Amsterdam, 31 oktober. De scheepskapiteins A.M. Hughes, voerende de schoener ALIDA
en Claeys, voerende het schip ORTHELIUS, onder Hollandse vlag varende, hebben die vlag smadelijk behandeld. Omtrent de eerste heeft ons gouvernement, op klachten van de Nederlandse consul te Havanna, de nodige maatregelen genomen, om aan al de schepen, waarop gemelde Hughes in het vervolg als gezagvoerder mocht worden aangesteld, de benodigde scheepspapieren te onthouden. Claeys, (die wel hetzelfde lot zal wedervaren)
is door het college Zeemanshoop alhier van zijn lidmaatschap ontzet, waarbij deze bijzonderheid verdient vermeld te worden, dat toen het bestuur van dat college voorstelde op deze zaak, ingevolge de wetten, in een volgende vergadering te besluiten, de vergadering
eenparig een dadelijk besluit verlangde, welke inbreuk op de wetten een der sprekers verdedigde, met het schoon gezegde: “De wet kon daarin niet voorzien, een Hollander kon die misdaad niet kennen", waarop kapt. Claeys eenstemmig als onwaardig lid uitgesloten werd.

Afbeelding