Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
A.W.Wilkens was met vlagnummer R177 in de periode 1840 t/m 1843 effectief lid van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart058. (Rimkus005 noemt als zodanig W.A.Wilkens, maar dat is een omdraaiing van de initialen)
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
In het Jaarverslag 1858 van het College (Maritiem Museum, Rotterdam) staat vermeld dat de wed A.W.Wilkens een uitkering krijgt van f 50,- “voor onderwijs in de Stuurmanskunst voor haar zoon W.A.”058.
In de Jaarverslag 1849 van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat in de Rekening van Ontvangst en Uitgaaf vermeld dat de weduwe A.W.Wilkens een uitkering krijgt van f 170,- voor onderstand van haar en haar kind. In 1851 krijgt zij nog maar voor 8 maanden een uitkering voor haar kind en het totale bedrag is dan f 163,34. In 1855, 1858 en 1859 is de jaarlijkse uitkering nog maar voor haar alleen zijnde f 150,-058.
De schepen van de kapitein
Bouma025 en van Sluijs013 vermelden A.W.Wilkens als gezagvoerder gedurende:
* 1839 t/m 1844 van de sch.kof “Archangel”, op 06 juni 1839 te Lemmer van de werf van C.P.Bakker te water gelaten, 133 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt H.B.Konter als gezagvoerder gedurende:
* 1845 van de sch.kof “Archangel”, gebouwd in 1839 te Lemmer, 133 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam. Het schip kwam in 1845 in veiling in Rotterdam013 en werd in 1846 herdoopt in “Mexico”;
* 1846 van de schkof “Libau”, gebouwd in 1839 te Joure, 172 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam. Het schip werd in 1847 door van Rijckevorsel herdoopt in “Maracaibo”;
* 1848 t/m 1849 van de schkof “Maracaibo” ex Libau, gebouwd in 1839 te Joure, 168 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam; (Bouma vermeldt hier als gezagvoerder H.R.Konter. Ik neem aan dat er hier een verschrijving is opgetreden.)
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt A.(A.) Dijkema als gezagvoerder gedurende:
* 1842 t/m 1844 van de kof “Riga”, gebouwd in 1838 te Delfzijl, 120 ton o.m., geen vermelding van thuishaven en eigenaar (,aar vermoedelijk H. van Rijckevorsel te Rotterdam) ;
* 1846 t/m 1847 van de schkof “Mexico”, ex Archangel, gebouwd in 1839 te Lemmer, 133 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt H.B.Konter als gezagvoerder gedurende:
* 1845 van de sch.kof “Archangel”, gebouwd in 1839 te Lemmer, 133 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam. Het schip kwam in 1845 in veiling in Rotterdam013 en werd in 1846 herdoopt in “Mexico”;
* 1846 van de schkof “Libau”, gebouwd in 1839 te Joure, 172 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam. Het schip werd in 1847 door van Rijckevorsel herdoopt in “Maracaibo”;
* 1848 t/m 1849 van de schkof “Maracaibo” ex Libau, gebouwd in 1839 te Joure, 168 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam; (Bouma vermeldt hier als gezagvoerder H.R.Konter. Ik neem aan dat er hier een verschrijving is opgetreden.)
Overige bijzonderheden
Geen
Familiegegevens en opleiding
Geen
De schepen van de kapitein
Bouma025 vermeldt J.Kuyt als gezagvoerder gedurende:
* 1845 t/m 1851 van de kof “Riga”, gebouwd in 1838 te Delfzijl, 120 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1848 t/m 1851 van de schkof “Mexico”, ex Archangel, gebouwd in 1839 te Lemmer, 133 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam;
vaarperioden van voorgaande schepen kloppen niet met elkaar
* 1851 t/m 1854 van de brik “Gouverneur Elsevier”, gebouwd in 1851 te Rotterdam, 145 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1856 t/m 1858 van de bark “Elisa Suzanna”, gebouwd in 1840 te Rotterdam, 557 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
J.Kuyt vertrok op 07 januari 1857 van Hellevoetsluis met de “Elise Susanne” en een contingent van 4 officieren en 110 manschappen. Hij arriveerde te Batavia op 22 mei 1857 na 135 dagen. “Na een oproer bleven 22 man achter in Rio de Janeiro, waarvan 18 man in gevangenschap en 4 man in het hospitaal.”065
Bossenbroek065 vermeldt op p. 70
“Uit het inschepingsregister en de litteratuur zijn mij veertien meer of minder ernstige gevallen van muiterij of pogingen daartoe bekend, die zich in deze periode tijdens het vervoer van koloniale soldaten naar Indië hebben voorgedaan. Ze vonden plaats aan boord van de …Elise Susanne …” en wel op de Atlantische Oceaan op de hoogte van de Braziliaanse kust065.
In het Rotterdams Jaarboekje 1920, tweede reeks, 8ste jaarg, 1920 staat een overzicht door W.J.L.Poelmans “Nieuwsberichten uit de Rotterdamsche Courant, 1851-1852”, waarin het volgende bericht:
“28 FEBRUARI 1851 Van de werf der heeren Gebr. Visser wordt te water gelaten het brikschip ‘Gouverneur Elzevier’, groot 147 ton, gebouwd voor rekening van den heer H. van Rijckevorsel en gevoerd zullende worden door kapitein J.Kuijt.”
NRC 01 maart 1851
Rotterdam, 28 februari. Heden werd van de werf De Notenboom, toebehorende aan de heren Gebr. Visser, met het beste gevolg van stapel gelaten het aldaar voor rekening van de heer H. van Rijckevorsel alhier gebouwde gekoperd brikschip GOUVERNEUR ELSEVIER, hetwelk gevoerd zal worden door kapt. Jan Kuijt, en bestemd voor de vaart op Curaçao, waarheen dat schip op de 31e maart zal vertrekken.
NRC 07 april 1851
Hellevoetsluis, 7 april. Het uitzeilen van het nieuwe brikschip GOUVERNEUR ELSEVIER, kapt. Jan Kuyt, naar Curaçao bestemd, is tot heden vertraagd door ziekte der equipage, welke aan koortsen lijdende was, waardoor reeds gedeeltelijk twee keren andere manschappen moesten gemonsterd worden. Heden is het schip naar zijn bestemming vertrokken.
Familiegegevens en opleiding
Geen
Lidmaatschap zeemanscollege(s)
T.D.de Wit was met vlagnummer R303 in de periode 1851 t/m 1866 effectief lid van het Rotterdamse zeemanscollege Maatschappij tot Nut der Zeevaart058
Opmerkingen in verband met Zeemanscollege(s)
In het Jaarverslag 1866 van de Maatschappij (Maritiem Museum, Rotterdam) staat vermeld dat “Het Bestuur zich verpligt (heeft) gezien art. 37” op hem van toepassing te moeten verklaren. Dat betekent dat hij vanwege het niet voldoen aan zijn financiële verplichtingen uit de Maatschappij is gezet. Deze mededeling wordt herhaald in het Jaarverslag van 1867058.
De schepen van de kapitein
In de Jaarverslagen van de Maatschappij staat kapitein T.D. de Wit met vlagnummer R303 als gezagvoerder in de ledenlijsten van058:
* 1851 sch.kof “Mexico” 70 last voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam
* 1855 sch. “Gouverneur Schomerus” 85 last voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam
* 1858, 1859 bark “Concurrent” 336 last voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam
* 1862 fregat “Burgemeester Hoffman” 400 last voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam
* 1863 t/m 1865 geen vermelding van schip en reder
Bouma025 vermeldt T.D.de Wit als gezagvoerder gedurende:
* 1853 t/m 1854 van het 2/msch “Goudkust”, gebouwd in 1852 te Rotterdam, 146 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1855 t/m 1856 van de brik “Gouverneur Schomereus”, gebouwd in 1853 te Rotterdam, 161 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1856 van de sch.brik “Benin” ex Pio Nono, gebouwd in 1848 te Rotterdam, 243 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1856 t/m 1857 van de kof “Riga”, gebouwd in 1838 te Delfzijl, 120 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1857 van de sch.brik “Axim”, gebouwd in 1849 te Bolnes, 131 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam. Het schip is gaande van Guinea naar Rotterdam bij Kaap St.Paul verongelukt. Bouma vermeldt in 1857 eveneens een kapitein Ouwehand (zonder initialen) als gezagvoerder. Het is niet duidelijk of tijdens dit ongeluk bij St.Paul nu Ouwehand of de Wit de gezagvoerder was;
* 1858 t/m 1861 van de bark “Concurrent”, gebouwd in 1857 te Rotterdam, 635 ton o.m., varend voor H.van Rijckevorsel te Rotterdam;
* 1861 t/m 1863 op het 3/m schip “Burgemeester Hoffman”, gebouwd in 1854 te Rotterdam, 758 ton o.m., varend voor H. van Rijckevorsel te Rotterdam.
Overige bijzonderheden
F.D. de Wit (moet zijn T.D.) verzorgde per 15 augustus 1860 vanuit Zierikzee met de “Burgemeester Hoffman” een troepentransport van 4 officieren en 30 manschappen naar Nederlands Oost-Indië. Hij arriveerde te Batavia op 08 februari 1861 na een reis van 177 dagen. “In St.George d’Elmina werden 70 Afrikaanse recruten aan boord genomen.”065.
In het Rotterdams Jaarboekje 1920, tweede reeks, 8ste jaarg, 1920 staat een overzicht door W.J.L.Poelmans “Nieuwsberichten uit de Rotterdamsche Courant, 1851-1852”, waarin het volgende bericht:
“2 JULI 1852 Van de werf der heeren Gebr. Visser wordt te water gelaten het gekoperde schoenerschip de ‘Goudkust’, gebouwd voor rekening van den heer H. van Rijckevorsel.”
|