Inloggen
AMSTERDAM - ID 10009


In dienst
Onder Nederlandse Vlag tussen:1829-04-24 / 1856-11-09 | Reden uitgevlagd: Verongelukt of vermist (zie final fate)

Identification Data

Bouwjaar: 1829
Categorie: Cargo vessel
Voorstuwing: Sailing Vessel
Type: Kof
Masten: Two masts
Material Hull: Wood
Dekken: 1
Construction Data

Scheepsbouwer: Barend Groen & Compagnie, scheepswerf 'De Boot', Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Date Laid Down: 1828-06-25
Launch Date: 1828-12-11
Delivery Date: 1829-04-18
Technical Data

Net Tonnage: 168.00 tons (oude meting)
Net Tonnage 2: 87.00 lasts (commercial)
 
Length 1: 25.60 Meters Registered
Beam: 4.86 Meters Registered
Depth: 2.99 Meters Registered
Zeebrieven en Turksche passen

Record type Zeebrief
Zeebrief jaar: 1829
Datum agenda: 1829-04-24
Register nr: 18290283
Scheepsnaam: AMSTERDAM
Type: Kof
Lasten: 87
Gebouwd in provincie: Noord Holland
Gebouwd in binnen- of buitenland: Binnenlands
Zeebrief / Turksche pas verzocht door: Boolen & Co.
Plaats: Amsterdam
Kapitein op moment van verzoek: Bakker, S.B.
Opmerkingen: Eerste zeebrief

Bekijk de overige zeebrieven / Turksche passen van dit schip
Ship History Data

Date/Name Ship 1829-04-18 AMSTERDAM
Manager: Boolen & Compagnie (Marten Boolen), Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Eigenaar: Partenrederij onder boekhouderschap van genoemde manager, Amsterdam, Noord-Holland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Amsterdam / Netherlands

Date/Name Ship 1842-03-29 CONCORDIA
Manager: Firma Repko & Co., Harlingen, Friesland, Netherlands
Eigenaar: Firma Repko & Co., Harlingen, Friesland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Harlingen / Netherlands

Date/Name Ship 1851-02-21 CONCORDIA
Manager: Anne Blijstra, Harlingen, Friesland, Netherlands
Eigenaar: Anne Blijstra, Harlingen, Friesland, Netherlands
Shareholder:
Homeport / Flag: Harlingen / Netherlands

Bezitters van parten (aandelen) in het schip

Bijlage bij acte 9 van 1829, schip AMSTERDAM, eigenaren per medio maart 1829

firma Booten & Co., Amsterdam (boekhouders en 1/4e part)
firma Johannes Glasbergen & Zoonen, Amsterdam (1/4e part)
Wed. Johannes Glasbergen, geboren Farrel, Amsterdam (1/8e part)
J.J.A. Steenstrand, Amsterdam (1/16e part)
Joeke Berends Bakker, Amsterdam (schipper en 1/16e part)
firma Wed. van Seldam & J. Mannory, Amsterdam (1/16e part)
firma Canne & Balwé, Amsterdam (1/16e part)
Pieter Lugt Jansz., Amsterdam (1/32e part)
Wed. P.L. Berthemy (?), geboren Boolen, Amsterdam (1/32e part)
firma Holst, Graafland & Strik, Amsterdam (1/32e part)
Hendrik Salm, Amsterdam (1/32e part)
 

 

Ship Events Data

1829-04-00: Bijzonderheden: meetbrief No. 80 - d.d. 16.04.1829
1848-12-11: Damaged
Bremerhaven, 11 december 1848. Alhier is gearriveerd de Nederlandse kof CONCORDIA, kapt. Cappen, van Noorwegen met hout naar Harlingen bestemd, met verlies van zeilen, zijnde het schip een weinig lek.
1856-11-09: Final Fate: Stranded

Kopenhagen, 14 november. De Nederlandse kof CONCORDIA, kapt. A.R. Blijstra, van Pernau (opm: Pärnu) met rogge en gerst naar Schiedam bestemd, is in de avond van 9 dezer bij Duerodden (opm: Dueodde, Bornholm) gestrand. De bemanning is gered. Het schip zal hoogst vermoedelijk weg zijn.

Gezagvoerders

Familiegegevens en opleiding

Soeke Berends Bakker was afkomstig uit Oude Pekela.

Hij trouwde te Oude Pekela op 12 november 1807 met Antje Jans Kronenburg, geboren te Oude Pekela als dochter van Jan Wilkens Kronenborg en Maria Sluiters. Antje overleed op 01 augustus 1847 te Oude Pekela.

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

S.B.Bakker werd met nr. 239 effectief lid van Zeemanshoop per 04 december 1827 op voordracht van H.M.Lelsz. Geen opgave van schip002.

Soeke Barends Bakker, oud 38 jaar, wonende te Nieuwe Pekela, en met als adres Boolen & Co op de Prinsengracht bij de Amstel nr.17 te Amsterdam, voerende de kof Catharina, werd in de Algemene Vergaderingen van 27 november/04 december 1827 van Zeemanshoop voorgedragen/benoemd als effectief lid op voordracht van H.M.Lelsz. Zijn vlagnummer werd 239023.

S.B.Bakker was effectief lid van Zeemanshoop in de periode 1827 t/m 1833 met vlagnummer 239.

 

Ene S.B.Bakker  was met vlagnummer 57 in de periode 1826-1830 lid van het zeemanscollege in Oostende.108. (het is de vraag of het hier om Soeke Barends Bakker gaat!).

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 01 juli 1830 staat vermeld een brief van de consul te St.Ubes “omtrent de schepen voerende de Collegievlaggen No 188 en No 239 die in onaangenaamheden gekomen zijn uit onbekendheid der wettelijke bepalingen daar vigerende met waarschuwing daarvoor.”042.

In de notulen van de Bestuursvergadering dd 04 november 1833 staat een verzoek van de weduwe van kapitein S.B.Bakker om een uitkering te mogen ontvangen. Deze wordt in de vergadering dd 18 november 1833 toegestaan042.

 

De schepen van de kapitein

Vermelding in de Amsterdamscche Almanak voor Koophandel en Zeevaart001:

vlagnummer             jaren                 type        scheepsnaam                      reder/boekhouder

        239                      1828                 kof         Catharina Maria Boolen en Co

                                1829-1830            kof         Amsterdam                          idem

                                     1831                                geen opgave van schip en boekhouder

                                     1832                 kof         Anthonia Francina              de kapitein

 

Bouma025 vermeldt S.B.Bakker als egzagvoerder gedurende:

*    1823 t/m 1824 van de kof “Twee Gebroeders”, gebouwd in 1803, 109 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela. Het schip is in 1824 gestrand bij Egmond;

*    1824 t/m 1829 van de kof “Catharina Maria”, gebouwd in 1815, bouwplaats niet vermeld, 110 ton o.m., varend voor Boelen & Co te Amsterdam;

*    1830 t/m 1831 van de kof “Amsterdam”, gebouwd in 1829 te Amsterdam, 168 ton o.m., varend voor Boolen & Co te Amsterdam;

*    1832 t/m 1838 van de kof “Anthonia Francina”, gebouwd in 1831, bouwplaats niet vermeld, 79 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Pekela.

 

Het Archief van de Waterschout te Amsterdam011a bevat monsterrollen op naam van Saeke/Soeke Berends Bakker als gezagvoerder van de:

“Vriendschap” dd 09 maart 1816;  /   “Twee Gebroeders” dd 12 augustus 1820;  /   “Maria Elisabeth” dd 28 juli 1825, 24 oktober 1825;   /  “Catharian Maria” dd 29 november 1826; 30 april 1827;19 november 1827; 03 mei 1828;   /  “Amsterdam dd 09 mei 1829;  /   “Anthonia Francina dd 27 april 1832.

 

Overige bijzonderheden

Rotterdamsche Courant 09 januari 1816114

Amsterdam, 6 januari. Te Terschelling zijn binnengekomen S.B. Bakker, van Londen, en K.J. de Groot, van Bordeaux gedestineerd naar Rotterdam, komt binnen door zware lekkagie en meer andere schade; heeft in de laatste storm veel geleden en enige balen koffij uit het agterschip over boord moeten werpen.

 

Rotterdamsche Courant 26 mei 1821114

Rotterdam, 25 mei. Van Vlissingen wordt van den 22 gemeld:

…..en van den 17 tot heden van de Schelde afgekomen en naar zee gezeild LORD NELSON, T. Smithren, naar Hull; la BELLE ALLIANCE, O.A. Wilman, naar Memel (opm: Klaipeda); l’ADÈLE, A. Ferber, naar Boulogne; MARIA, J. Sicker, de JONGE JOSEPHA, P. Sparboom, en le CHARLES (opm: brik uit Antwerpen), J.C. Rasmussen, naar Liverpool; de TWEE GEBROEDERS, S. Bakker, naar Oleron; de JUFVROUW AKKE, M. Jeltes, naar Liverpool; de VROUW GEZINA, H. Ebes, en de VROUW ELLINA, H. Oortjes, naar Hamburg; FREDERICH WILHELM, D. Reinders, naar de Oostzee; NEERLANDSCH KROONPRINS (opm: pink NEERLANDS KROONPRINS), A. van der Meijde, naar Lissabon; LOUISE WILHELMINE (opm: brik LOUISA WILHELMINA, thuishaven Gent), J.G. Lovgreen, naar Liverpool; ZELIMA, C.J. Neurenberg, naar Batavia; MERCUUR (opm: brik, thuishaven Antwerpen), J.F.P. Smit, naar Marseille; MARIA, J. Lovgreen, la PRÉVOYANTE, J. Langhetee (opm: driemaster, thuishaven Antwerpen, kapt. Jacob Langethée), naar Liverpool; MARGARETH, I. Hall, en JAMES CORLTAR (opm: slecht leesbaar), W.F. Hill, naar Philadelphia; GEZINA CHARLOTTE, G. van Veen, naar Noirmoutier; de HERO, H. Poppen, naar Londen (opm: driemaster HEROS, thuishaven Antwerpen, kapt. Hendrik Poppen, bestemming Batavia); NEPHTUNES, J. Jurgenson, naar Marseille; CATHARINA, J. Endicot, naar Batavia, la DAME HARRIETTE (opm: kof DAME HENRIETTE, thuishaven Oostende), L. Cornelis, naar …; de PORTLAND, P. Drinkwater, naar Batavia; ELIZA, J. Deetjen, en COMMERCIAL PACKET, T.M. Collins, naar Londen; de ESSEX, D. Wise jr, naar la Rochelle; ALEXANDER, J. Schnelle, en de MILFORD, J. Wecks, naar Petersburg, en ANDREAS, B. Pahlson, naar Amsterdam…..

 

Rotterdamsche Courant 12 juli 1821114

Rotterdam, 11 juli. Van Vlissingen wordt van den 7 gemeld:

….van den 1 tot den 7, voor Antwerpen bestemd, alhier ter rede gekomen de VROUW MARGARETHA, H.J. Veen; LOUISA WILHELMINA, J. Lofgreen; de VROUW JACOBA, J.J. Rink; de COLETTE CHARLOTTE, F.A. Claeijs, en de MARIA, J. Logreen, van Liverpool; THETIS, J. Osterblad, van Carlsberg; de GOEDE HOOP, H.U. de Groot, van de Marennes; de TWEE GEZUSTERS, J.H. Zinger, van Liverpool; LOUISE, J. le Bas, van IJerseij; de VERWACHTING, P. Maass, van Liverpool; de ONDERNEMING, J. Veerman, van Havre-de-Grace; de TWEE GEZUSTERS, J.A Balleer, van Dantzig (opm: Gdansk); de TWEE GEBROEDERS, H.T. Hut, van Noirmontier; de ZEELUST, J.C. Lukas, van Petersburg; de TWEE GEBROEDERS, C.J. van der Heide, van de Marennes; de UNION, w. Robinson, van Londen; de VRIENDSCHAP, J.H. Schipper, van de Marennes; de DRIE GEBROEDERS, J.J. Jorie, van Havre-de-Grace; CONCORDIA, H.J. Nagel, van Liverpool; de VIJF GEBROEDERS, D. Steur, van de Havana; de TWEE GEBROEDERS, S.B. Bakker, van Oleron; de VROUW ANNAGINA, R.W. Huisman, van Liverpool; GEZINA CHARLOTTE, G. van Veen, van Noirmontier; HORA, A.H. Romker, van Bordeaux; WILLEM, J.S. Okkes, van Liverpool; de HARMONIE, B.J. Wijgers, van Noirmontier, en de VREDE, J.J. Greeven, van St. Martin.

 

Rotterdamsche Courant 20 september 1821114

Rotterdam, 19 september. Van Vlissingen meldt men van den 15 dezer: ….

….Van onze rede is naar Duinkerken vertrokken de JONGE HENDRIK, H. de Wilde, van Amsterdam, en,

sedert onze laatste zijn van Antwerpen de Schelde afgekomen en naar zee gezeild de schepen de LAUREL, G. Read, naar Londen; de MACKEREL, T. Sincertij, naar Guernsey; de FLORA, J. Cooper, naar Londen; LORD NELSON, T. Smithson, naar Hull; de REAPER, S. Benson, naar Sumatra; de TWEE GEBROEDERS, S.B. Bakker, naar Hull; de GUTE FRAU, G. Reetzoke, naar Leith; de FÉLICITÉ, kapt. Le Masson, naar Barcelona; CAROLONA, D. Dorceij, naar Guernsey, ….

 

Rotterdamsche Courant 06 juni 1822114

Rotterdam, 5 juni. van Vlissingen meldt men den 1 juni: ….

sinds den 30 voor Antwerpen bestemd alhier ter rede gekomen de TWEE GEBROEDERS, S.B. Bakker, van Nantes; ZELIMA (opm: driemaster, thuishaven Gent), C. Neurenberg, van Batavia; STAD EN LANDE, T.T. Dijkstra, de WILLEM, J.S. Okkes, en WEMELINA KRANENBURG (opm: kof WEMELINA KRANENBORG), J.J. Prange, van Liverpool; de GOEDE VERWACHTING, B.S. Stoffels, van Brest; le JEUNE GEORGE, W.E. Dik, van Stockton; LEONTINE, M.F. le Sasseur, en de VIJF GEBROEDERS, D. Steur, van Havana, en JEROME, D. Destelecho, van New York.

 

Rotterdamsche Courant 13 juli 1822114

Rotterdam, 12 juli. Van Vlissingen meldt men den 9 juli gemeld, dat sedert eergisteren van Antwerpen afgekomen en naar zee gezeild zijn de schepen de JONGE CORNELIS, A.C. Hazewinkel, naar Edinburgh; le CHASSEUR (opm: kotter, thuishaven Antwerpen), G. de Haan, naar Bayonne; de TWEE GEBROEDERS, S.B. Bakker, en de GOEDE HOOP, J.R. SIGERS, naar Londen…..

 

 

Datum vanaf: 1829
Kapitein: Bakker, Soeke/Saeke Barends
Overige informatie: 1829 – 1830

Familiegegevens en opleiding

Cornelis Abrahamsz werd geboren te Amsterdam 02 mei 1802. Volgens het Bevolkingsregister 1851-1853 (-1860) van Amsterdam woonde Cornelis Abrahamsz, geboren 02 mei 1802 te Amsterdam, Nederl. Hervormd, gehuwd, gedurende genoemde periode op de Brouwersgracht 17 , te Amsterdam.

Hij huwde met Katharina Dekker, geboren te Ameland op 30 september 1809. Catharina overleed op 07 december 1849 te Amsterdam.

Cornelis huwde voor de 2de maal met Helena Elisabeth Onnen, geboren te Utrecht in 1802. "De vrouw overl. 1849" (slaat op Katharina Dekker) Lid van het Weldadig Zeemans Fonds op 23 juli 1840003.

 

Cornelis Abrahamsz Jr werd geboren te Amsterdam op 02 mei 1802 als zoon van Cornelis Abrahamsz Sr (13 september 1778-07 december 1864, scheepsbevrachter) en Anna Swart (08 december 1775-24 maart 1831). Zijn ouders kregen in totaal 13 kinderen.

Cornelis huwde met Catharina Douwes Dekker, geboren op 30 september 1809 als dochter van Engel Douwes Dekker en Sietske Eeltjes Klein. Catharina was een zuster van Eduard Douwes Dekker alias Multatuli en van nog drie broers i.c. Pieter, Jan en Willem. Het huwelijk was moeizaam tot stand gekomen want Catharina was doopsgezind en Cornelis gereformeerd. De religieuze instelling van Cornelis leverde hem de bijnaam van “de dominee” op. Het echtpaar woonde eerst in de Haarlemmerstraat nr. 95 te Amsterdam, naast de schoonouders van Cornelis. In 1839 verhuisde het gezin naar Middelburg. Na enige verhuizingen aldaar was het adres in 1841 de Nieuwstraat dat Cornelis kocht voor f 1.400,-. In 1844 keerde het gezin terug naar Amsterdam, na enige tijd in de Bantammerstraat. Uit het huwelijk van Catharina en Cornelis werden 8 kinderen geboren waarvan er 4 op jonge leeftijd overleden.

Catharina overleed op 07 december 1849 te Amsterdam.

Cornelis huwde voor de tweede maal met Helen Elisabeth Onnen (17 juli 1802-07 juni 1879). Hij overleed op 12 april 1879.

Catharina Douwes Dekker was een dochter van Engel Douwes Dekker (03 september 1787 - 25 juli 1850) en Sietske Eeltjes Klein (1781/1782 - 05 mei 1846)

Ontleend aan: “Journaal eener Oostindiesche Reis. De belevenissen van een toenjarig meisje in 1847 en 1848.” door Anna Abrahamsz. Uitg. Terra Incognita, Amsterdam 1993.) Boekje aanwezig in het NSM. Bevat vele biografische bijzonderheden van kapitein Abrahamsz, voornamelijk ontleend aan zijn eigen autobiografie, NSM nr. 6R80-6I. Het artikel bevat ook portretten van Catharina Abrahamsz-Douwes Dekker en Cornelis Abrahamsz Jr.

 

Cornelis Abrahams werd op 11 oktober 1815 ingeschreven als leerling van de Kweekschool voor de Zeevaart te Amsterdam. Hij werd te Amsterdam gedoopt op 30 mei 1802 als zoon van Cornelis Abrahams en Anna Swart, beiden van Amsterdam en gereformeerd. "Beiden in leven, wonen te Alphen, hebben de Jongeling aangeboden onder betaling van ¦240,- 's Jaars ...". De leerling was bij aanname 13½ jaar, 5 voet lang en gevaccineerd.

In de periode 01 januari 1816 - 06 oktober 1819 zijn de vorderingen aangetekend, zowel wat betreft de theoretische kennis als tijdens praktijkstages. De theoretische kennis betreft o.a. rechthoekmeting, berekening scheve koersen, bestek stellen, e.d..

Ten aanzien van de praktijkervaring is vermeld: "geplt den 25 Juny 1817 op het schip de 2 gezusters Captn J.Meier als cajuitwachter naar Lissabon ... 14 Mey 1818 terug van de reis met goede attestatie ... 21 April 1819 geplt als ligtmatroos op het schip Maria Frederika Captn W.Swart na Suriname  6 Octob 1819 teruggekomen van de reis met goede attestatie. Verzoekt en bekomt zijn ontslag met honorabele attestatie en vrijstelling van de Nat.militie"004(531/1235).

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

C.Abrahamsz werd met nr. 335 effectief lid van Zeemanshoop op 07 december 1830 op voorspraak van D.B.Lutjens. Zijn schip was de "Amsterdam"002.

In de Algemene Vergaderingen van 30 november 07 december 1830 van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop werd voorgedragen/benoemd tot effectief lid en met vlagnummer 335 Cornelis Abrahamsz. Jensz, oud 28 jaar, wonende op de Binnenkant 51 te Amsterdam, voerend de kof Amsterdam op voordracht van kapitein D.Boes Lutjens023.

 

Cornelis Abrahamsz was effectief lid van Zeemanshoop in de periode 1830 t-m 1879 met de vlagnummer 335 (1830 t/m 1836), 224 (1836 t/m 1854) en 63 (1854 t/m 1879).

 

C.Abrahams Jr was van 1861-1877 bestuurslid van het College Zeemanshoop019.

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

In de notulen van de Algemene Vergadering dd 18 december 1860 staat vermeld: “Tenslotte deelt de Heer Jb Swart mede dat door den Heer C.Abrahamsz Jr aan de bibliotheek ten geschenke zijn gegevens 2 Boekwerken, getiteld P.Labat Nieuwe reizen naar de Franse Eilanden van America en Mr. J.J.Hartsink Beschrijving van Guiana.” 023.

In de notulen van de Algemene Vergadering dd 13 maart 1866 staat de volgende mededeling: “Bij de gewone aanvrage niemand verder iets voortestellen hebbende, neemt de Voorzitter (den Heer Abrahamsz) bij zijn aanstaande vertrek naar Java van de Vergadering met een hartelijk woord afscheid, zich in allen aandenken aanbevelende, daarna de Vergadering wordt gesloten.”023.

In de notulen van de Algemene Vergadering van Zeemanshoop dd 15 april 1879 staat de mededeling van de Voorzitter “dat den Heer C.Abrahamsz - voormalig bestuurslid - is overleden.” 023.

 

De schepen van de kapitein

Vermelding in de Amsterdamsche Almanak voor Koophandel en Zeevaart

vlagnummer              jaren           type           scheepsnaam                   naam reder/boekhouder

        335                 1830-1835     sch.kof      Amsterdam                       Boolen & Co te Amsterdam

        224                 1836-1838     sch.kof      Amsterdam                       idem

                                1839-1843     fregat        De Zeeuw                          van den Broeke, Luteyn & Schouten

                                                                                                                            te Middelburg

                                1844-1846     bark           Urania                                Kerkhoven & Coutinho te Amsterdam

                                1848-1850     bark           Amicitia                             d'Arnaud & Co te Amsterdam

                                1851-1853     bark           Azia                                    G.W.van Barneveld Kooy te Amsterdam

         63                  1854-1857     bark           Azia                                    idem

                                1858-1864     fregat        Wilhelmina en Clara       idem

                                1865-1871     fregat        Waterloo                           idem

                                1871-1872     "C.Abrahams is zonder schip"

 

Bouma025 vermeldt C.Abrahams Jr als gezagvoerder gedurende:

*    1832 t/m 1838 op de kof “Amsterdam”, gebouwd in 1829 te Amsterdam, 168 ton o.m., varend voor Boolen & Co te Amsterdam;

*    1840 t/m 1844 op het 3/m schip “De Zeeuw”, gebouwd in 1839 te Middelburg, 900 ton o.m., varend voor van den Broeke, Luteyn en Schouten te Middelburg. Het schip strandde in 1844 op de Banjaard, waarbij de bemanning werd gered;

*    1845 t/m 1849 op de bark “Urania” ex het fregat Suzanna, gebouwd in 1827 te Amsterdam, 311 ton o.m., varend voor Kerkhoven & Coutinho te Amsterdam.

            De “Urania” werd gebouwd in 1826 op de werf Fortuijn aan de Bikkerstraat te Amsterdam door scheepsbouwer J.R.Boelen. Het schip was tot 1840 in gebruik bij de Nederlandsche Scheepsrederij en in dat jaar voor f 22.000,- gekocht aan Kerkhoven & Coutinho te Amsterdam. Deze nieuwe eigenaars lieten het schip opnieuw met koper beslaan, verkleinden de kajuit en vergrootten de laadruimte.

*    1849 t/m 1851 op de bark “Amicitia”, gebouwd in 1849 te Amsterdam, 328 ton o.m., varend voor d’Arnaud & Co te Amsterdam;

*    1852 t/m 1858 op de bark “Azia”, gebouwd in 1851 te Amsterdam, 444 ton o.m., varend voor G.W.van Barneveld Kooy te Amsterdam;

*    1859 t/m 1865 van de “Willemina en Clara”, op 13 december 1854 van stapel gelopen van de werf van F.F.Groen te Amsterdam023, 647 ton o.m., varend voor G.W.van Barneveld Kooy te Amsterdam;

*    1866 t/m 1872 op het 3/m schip “Waterloo”, gebouwd in 1865 te Amsterdam, 756 ton o.m., varend voor G.W.van Barneveld Kooy te Amsterdam.

 

In het Archief van de Waterschout op het Stadsarchief van Amsterdam bevinden zich monsterrollen op naam van kapitein Cornelis Abrahams Jr op de:

“Amsterdam”, dd 10 december 1830; 13 oktober 1831; 28 juli 1832; 29 juni 1833; 15 februari 1834; 04 juli 1834, 25 maart 1835; 17 april 1837 en 27 december 1837

 

"De Drie Gebroeders" van kapitein S.IJ Parma op de rede van Paramaribo057:

03 september 1837    "... Heden vertrokken Captijn Abrahams de kof Amsterdam naar Amsterdam".

Monsterrol dd 17 april 1837 van de galjoot "Amsterdam" onder gezag van Corneles Abrahams met 8 manschappen. Bestemming Suriname. Boekhouders zijn Bolen & Comp.011

18 februari 1838       "... hedenavonds arriveerde hier captijn Abrahams kof Amsterdam van Amsterdam".

Monsterrol dd 27 december 1837 van de galjoot "Amsterdam" onder gezag van Corneles Abrahams Jr met 8 manschappen. Bestemming Suriname. Boekhouders zijn Bolen & Comp.011.

 

Er zijn monsterrollen op naam van kapitein Cornelis Abrahams Jr met het schip “Amsterdam” 011a.

 

Vertrek en terugkomst van schepen in Amsterdam093

kapitein                        scheepsnaam                                      uitzeilen                                   binnenkomen

C.Abrahamsz             Willemina & Clara                             22 april 1861                          20 okt. 1862

                                      Willemina & Clara                             08 mei 1862                            27 januari 1863

                                      Wilhelmina & Clara                          20 mei 1863                            09 februari 1864

                                      Wilhelmina & Clara                          02 juni 1864                           01april 1865

                                      Waterloo                                              02 april 1866                          12 januari 1867

                                      Waterloo                                              11 juli 1867                             05 maart 1868

                                      Waterloo                                              15 augustus 1868                  geen opgave

 

In Spiegel der Zeilvaart 1990 nr.8 p.14-15 staat een artikel “Voorzichtigheid en triomf op de Banjaard´ door J.Schot. Het artikel behandelt de reddingswerkzaamheden door de schippers Goudswaard en Verspoor uit Bruinisse van opvarenden van het fregat “De Zeeuw”, vergaan in 1844 op de Banjaard en onder gezag van kapitein Abrahamsz Jr

 

Overige bijzonderheden

Op 10 december 1830 werd ligtmatroos Cornelis Cornelisse vanuit de Amsterdamse Kweekschool voor de Zeevaart geplaatst op de "Amsterdam" onder kapitein C.Abrahamsz Jr voor een reis naar Suriname. Hij was terug op 27 augustus 1831004-532/1589.

Op 22 oktober 1831 werd ligtmatroos Abraham Pieter Klein vanuit de Amsterdamse Kweekschool voor de Zeevaart geplaatst op de "Amsterdam" onder kapitein C.Abrahamsz Jr voor een reis naar Suriname. Hij was terug op 22 juni 1832004-532/1600.

Op 13 oktober 1831 werd Antonie van Oosteroom vanuit de Kweekschool voor de Zeevaart te Amsterdam als kajuitwachter geplaatst op de Amsterdam onder kapitein C.Abrahams voor een reis naar Suriname. Hij keerde terug oop 22 juni 1832004(532/1654).

 

C.Abrahams Jr vervoerde per 15 november 1854 vanuit Nieuwediep met de “Azia” 1 landmachtofficier naar Batavia. Aankomstdatum is niet vermeld.

Op 29 mei 1862 vertrok hij vanuit Nieuwediep de “Wilhelmina en Clara” met aan boord 3 officieren en 125 manschappen. Hij arriveerde te Batavia op 30 augustus 1862 na 93 dagen.

En op 20 mei 1863 voer hij wederom vanuit Nieuwediep met hetzelfde schip met 1 landmachtsoldaat, waarna hij na 81 dagen op 09 augustus 1863 te Batavia aankwam065.

 

Naar aanleiding van enkele opmerkingen omtrent de gage van een 19-eeuwse koopvaardijkapitein wordt gemeld dat veelal ¦100,- per maand werd betaald.  Maar "... C.Abrahamsz (verdiende) na zijn ongeluk met het Middelburgse schip De Zeeuw slechts ¦80,- ... op de afgeleefde Urania van de Amsterdamse rederij Kerkhoven & Coutinho"039.

 

“…kapitein Frans Molenaar (laat) in de eerste maanden van 1858 een portret maken van de barkschepen Amicitia en Azia … Hij is dan net teruggekeerd met de Amicitia (173 last), dat zijn vlag met nr.698 van Zeemanshoop voert, van een 10 maanden durende reis naar Oost-Indië, zijn tweede met dit schip. In hetzelfde portret wappert van de Azia de vlag met nr.63 van Zeemanshoop, toebehorend aan kapitein Cornelis Abrahamsz, onder welk gezag Molenaar opgeklommen is van matroos tot stuurman. Gelijktijdig laat kapitein Molenaar een even groot portret maken van de Azia, omdat hij vanaf 30 juni 1858 zelf met dit 250 last grote schip naar Oost-Indië zal varen. De reder Barneveld Kooij heeft namelijk kapitein Abrahamsz. benoemd op het 325 last grote schip Wilhelmina en Clara en geeft beide kapiteins een promotie. Zeven jaar later volgt Molenaar ook Abrahamsz op de Wilhelmina en Clara op en hij bestelt dan bij Spin na de eerste reis met dat schip een portret, waarin zowel de Wilhelmina en Clara als de Azia staan afgebeeld.”054.

 

Algemeen Handelsblad 01 januari 1831

Texel, …..

….Texel, 28 december. Vertrokken: AMSTERDAM, kapt. A. Abrahams Jr., naar Suriname; EOLUS (opm. AEOLUS), kapt. J. Zwanenburg, naar Lissabon; HENDRIKA, kapt. H.B. Schippers, naar Bayonne.

30 december: NEPTUNUS, kapt. P.L. Peters, naar St. Thomas; ZEEMANSHOOP, kapt. W. Smith, naar Genua…..

 

Rotterdamsche Courant 12 mei 1831

Amsterdam, 9 mei. De schepen HENRIETTE, kapt. J.E. Schneebeke en DE VRIENDSCHAP, kapt. J. Visser, zouden in het laatst van maart en het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., omstreeks half april van Suriname vertrekken, alle naar Amsterdam.

 

Rotterdamsche Courant 28 juni 1831

Amsterdam, 26 juni. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. zou den 25 mei; de schepen CATARINA ANNA HELENA, kapt. P.H. Bos en NOORDHOLLAND, kapt. H.K. Ruyl, mede nog in die maand en het schip DE GOEDE VERWACHTING, kapt. J.B. Bodeman, in het begin van juni van Suriname vertrekken, alle vier naar Amsterdam.

 

Rotterdamsche Courant 02 juli 1831

Amsterdam, 30 juni. Kapitein H. Rolff, voerende het schip EDAMS WELVAREN, den 14 mei van Suriname vertrokken en den 27 dezer te Amsterdam aangekomen, rapporteert, dat weinig dagen na hem van Suriname zouden vertrekken de schepen AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., CATHARINA ANNA HELENA, kapt. P. Hanssen Bos en DE DRIE GEBROEDERS, kapt. K. Harms Ruyl, alle mede naar Amsterdam.

 

Aalgemeen Handelsblad 13 augustus 1831

Texel, 10 augustus. Binnengekomen: …..

…..11 augustus. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., van Suriname; ALIDA, kapt. J.T. Visser, van Havana; HOOP, kapt. P. Haasnoot, van Lissabon, na visitatie van de quarantaine ontslagen; JAN FREERK, kapt. G.H. Smit, van Liverpool; MARTINA JOHANNA, kapt. R.J. Driesten, van Liverpool; VROUW ANNA, kapt. P. Visser, van Hull; DE NIJVERHEID, kapt. E.E. Hoveling, van St. Petersburg, laatst van Christiansand; LAGARTA, kapt. J. Eliassen, van Riga; MOSS, kapt. Scolanbosa, van Riga, de drie laatste liggen in quarantaine. Van de quarantaine ontslagen de stoomboot WILLEM I, kapt. J.H. Savert, van Hamburg; DE VRIENDSCHAP, kapt. J.H. Westerling, van St. Petersburg…..

 

Algemeen Handelsblad 06 oktober 1831

In lading liggende schepen te Amsterdam:

Naar Suriname. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. Adres bij B.D. Bosscher en Jan Corver & Co…..

 

Aamsterdamsche Courant 27  december 1831

Texel, 24 december. Vertrokken: Zr.Ms. HELDIN, kapt. luit. A. Anemaet, naar Batavia; SURINAME, kapt. W. Landzaat, naar Batavia; ANNA CATHARINA, kapt. S.H. Veer, naar Batavia; DE VRIENDEN, kapt. H.M. Lelz, naar Batavia; IJSTROOM, kapt. A.F. Oosterloo, naar Batavia; CLARA HENRIETTE, kapt. W. Blom, naar St. George d’Elmine en Batavia; SURINAME, kapt. L.J. Luitjes, naar Suriname; AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., naar v Suriname….

 

Rotterdamsche Courant 04 februari 1837

Rotterdam, 3 februari. Te Middelburg is ter rede gearriveerd het kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, van Suriname

 

Dordrechtsche Courant 08 januari 1839

Hellevoetsluis, 7 januari. De 4e dezer arriveerden uit zee, onder meer anderen, de schepen AMSTERDAM, kapt. Abrahams, van Suriname, JONGE JOHANNES, kapt. G. van Iperen, van Weymouth, en ELISA MARIE, kapt. C. Lemoen, van St. Malo.

 

ZeePost 01 april 1839 – 353

Schepen in lading naar:……

…..Suriname: het gezinkt schoener kof-schip AMSTERDAM, kapt. Abrahamsz Jr, van Amsterdam (Oosterdok). Adres bij B.D. Bosscher…

 

ZeePost 09 april 1839 – 360

Verkoop der schepen te Amsterdam in de Nieuwe Stads Herberg op maandag 8 april:

-  1/16de part in het kofschip AMSTERDAM, kapt. Abrahams, NLG 900. Koper A.W. Abrahamsz…

 

ZeePost 01 mei 1839 – 379

Schepen in lading naar:….

…..Suriname: het gezinkt schoenerkofschip AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr, van Amsterdam (Oosterdok). Adres bij B.D. Bosscher…

 

Dordrechtsche Courant 04 juni 1839

Middelburg, 31 mei. Gisteren namiddag ten 3 ure is van de werf der Commercie-Compagnie dezer stad met het beste gevolg van stapel gelopen het fregatschip de ZEEUW, groot ongeveer 500 lasten, bestemd voor de vaart op de Oost-Indiën, en gebouwd door de scheepsbouwmeester F. Haverkamp voor rekening van de rederij onder directie van de heren van den Broecke, Luteyn en Schouten, zullende dit schip gevoerd worden door kapitein C. Abrahams.

 

Dordrechtsche Courant 17 augustus 1839

Dordrecht, 10 augustus. Van Middelburg is den 14 dezer naar zee gezeild het schip (opm: fregat) de ZEEUW, kapt. Cornelis Abrahams Jr, bestemd naar Java.

 

Amsterdamsche Courant 30 januari 1844

Amsterdam, 27 januari. Het schip DE ZEEUW, kapt. Abrahamsz Jr, van Batavia naar Middelburg, is volgens brief van Zierikzee van de 26 dezer, de vorige nacht op de Banjaard gestrand en zal met de lading totaal weg zijn; de Equipagie is gered en te Burgh aangekomen.

 

Amsterdamsche Courant 02 februari 1844

Zierikzee, 29 januari. In den avond van j.l. donderdag (opm: 25 januari) is op den Banjaard, bij dit eiland, verongelukt, het fregatschip DE ZEEUW, kapitein C. Abrahamsz Jz, geladen met koffij, suiker en indigo, van Batavia naar Middelburg bestemd. De equipage is behouden aan land en hier aangekomen, doch schip en lading zullen totaal verloren zijn.

Bij deze gelegenheid is wederom op nieuw de moed en zelfopoffering gebleken van eenige varensgezellen, die, ofschoon geene der vaartuigen bezittende, geschikt om bij noodweer de zee te bevaren, desniettemin geen oogenblik geaarzeld hebben hun leven, benevens hunne panden, veil te hebben voor dat van hunnen evenmensch.

Nadat het schip donderdag avond vastgeraakt en kort daarna vol water geloopen was, hebben 20 man der equipage met de barkas het wrak verlaten, om zich, zoo mogelijk, te redden, en welke dan ook, na veel worstelens, behouden aan land en te Burghsluis zijn aangekomen. Later is de loodsboot van Vere, op de noodschoten uitgekomen zijnde, op eenigen afstand van het wrak genaderd; maar geen kans ziende om er bij te komen, werd er door de overblijvenden op het wrak besloten, er hunnen tweede en laatste sloep heen te zenden, bemand met den opperstuurman en 4 matrozen, ten einde met dezelve eenige gemeenschap daar te stellen. Aan de loodsboot gekomen zijnde, zijn deze op dezelve overgegaan; doch hebben naderhand, met achterlating van den opperstuurman, met de jol van de meergemelde loodsboot beproefd het wrak te bereiken, om de overige 16 manschappen, waaronder zich de kapitein, 2e en 3e stuurman, alsmede de doctor, bevonden, af te halen, maar zijn toen door de branding voorbij geslagen en afgedreven.

Alzoo was deze laatste hoop van redding voor hen jammerlijk vernietigd en werd tevens hun toestand van oogenblik tot oogenblik hagchelijker, daar de zeeën zoodanig over het wrak henen liepen, dat zij niet anders dachten, dan door de golven verslonden te worden. Het was in dien toestand, dat zij vrijdag-voormiddag twee vaartuigjes op hen zagen afkomen, zijnde twee hoogaarzen van Bruinisse, welke zich met oestervisschen bezig hielden, en op hunne bemerking, dat er een schip in nood was, geen oogenblik aarzelden hun bedrijf te laten varen en pogingen te beproeven, om met hunne ranke vaartuigjes de golven te trotseren. Door een dezer hoogaarzen, gevoerd door schipper Cornelis Goudswaard, is dan ook de bovenvermelde jol met 4 manschappen opgenomen, welke, met de golven worstelende, in eenen toestand verkeerden, die voor hun leven geen straal van hoop meer overliet.

Middelerwijl was de andere hoogaars, gevoerd door schipper Marinus Verspoor, en waarin zich mede bevonden zijn zoon Leendert Verspoor, Cornelis Beekman en Jacob Bood, het wrak genaderd, en heeft deze, na onderscheidene vruchtelooze pogingen daartoe te hebben aangewend, eindelijk de schipbreukelingen bereikt, alsnu de onwaardeerbare zelfvoldoening smakende, om hen allen, met veel levensgevaar, zoo voor hen zelven als voor de zich op het wrak bevindenden, te redden; zijnde het alleen aan meergenoemden Leendert Verspoor nog te danken, dat de kapitein, de hoogaars misgesprongen en door dezen nog tijdig gegrepen zijnde, is gered.

Mogt men bij dergelijke vroeger vermelde edele daden de bewondering hebben geuit van de kloekmoedige stoutheid van velen, die hun leven op het spel hebben gezet voor anderen, niet minder verdienen deze, en vooral Marinus Verspoor en de zijnen, daaronder eene eervolle melding, daar het toch niet te betwijfelen valt, dat, zoo deze niet op het oogenblik van hunne redding waren opgedaagd, 16 menschen zeer waarschijnlijk de slagtoffers der vernielende golven geworden waren.

 

Algemeen Handelsblad februari 1844

Bruinisse, 1 februari 1844. Onze gemeente mocht het onschatbare voorrecht ten deel vallen dat 3 hare ingezetenen onder het bestuur ener aanbiddelijke voorzienigheid de redders werden van een 16 tal mensen, een gedeelte uitmakend der bemanning van het schip DE ZEEUW, van Batavia naar Middelburg, in de avond van de 25e januari op de punt van de Banjaard, zijnde een plaat of zandbank in de nabijheid van ons eiland Schouwen en Duiveland, gestrand.

Nadat gemelde schip gestrand en zeer spoedig vol water geraakt was, sloegen onophoudelijk de golven met zulk een geweldige kracht over het schip heen, dat er niet alleen vrees, maar tevens zekerheid bestond voor de gehele verbrijzeling van het schip en de bemanning derhalve in ogenblikkelijk gevaar verkeerde. Een gedeelte der equipage, uit 21 manschappen bestaande, verliet in de benarde toestand met de barkas het wrak en had het geluk, na veel worstelen met de golven, behouden aan land en te Burgsluis aan te komen.

De loodsboot van Vere, op de aanhoudende noodschoten van het gemelde schip uitgelopen, op enige afstand het geweldig werkende wrak genaderd zijnde, doch door de geduchte branding in de onmogelijkheid verkeerde hetzelve aan boord te komen, besloot de kaptein de giek of kleine en laatste sloep met 5 man, zijnde de opperstuurman en 4 matrozen, in zee te zenden, teneinde met de loodsboot enige gemeenschap daar te stellen, doch vruchteloos waren de pogingen van deze braven, om het leven te redden der reeds in doodsgevaar verkerende 16 manschappen, op het zinkende wrak achtergebleven.

Na elk ogenblik in de golven hun graf denkende te vinden, was het in die benarde toestand, dat men van het zinkende wrak vrijdag voormiddag 2 vaartuigjes, zogenaamde hoogaarzen van ons dorp ontdekte, die op het schip schenen koers te zetten. Hoop op redding deed als het ware nieuw leven voor de schipbreukelingen geboren worden en deze hoop, neen! zij faalde niet.

De braven die de bemanning der hoogaarzen uitmaakten, zich met oesterkorren bezig houdende, hadden het schip in nood ontdekt en geen ogenblik geaarzeld aan de inspraak van hun menslievend hart gehoor gegeven, met hun ranke vaartuigen de golven te trotseren.

Een der hoogaarzen, gevoerd door Cornelis Goudswaard, had dan ook weldra het onwaardeerbare geluk 4 manschappen, die met de jol der bovengemelde loodsboot beproefd hadden het wrak te bereiken, doch door de geweldige branding waren voorbij geslagen en afgedreven en wier leven geen straal van hoop meer overliet, op te nemen, en behouden aan land te brengen. De andere hoogaars, gevoerd door Marinus Verspoor, een bejaard man en mede bemand met dezelfs zoon Leendert, Cornelis Beekman, zijn knecht en Jacob Bood, arbeider, beproefde bijna het onmogelijke om het wrak te naderen. Na verscheidene malen door de verbolgen golven teruggeslagen te zijn, gelukte het hun eindelijk het wrak en de schipbreukelingen te bereiken en smaakten zij de zelfvoldoening om met de uiterste inspanning van krachten, wijs beleid, voorbeeldige tegenwoordigheid van geest met levensgevaar 16 mensen op het geweldig werkende en reeds zinkende wrak nog achtergebleven, waaronder zich de kaptein (die de hoogaars misgesprongen, door Leendert Verspoor nog tijdig gegrepen en uit de golven gered was), de tweede en derde stuurman, de timmermansbaas, zeilenmaker, enige matrozen en jongen bevonden, aan vermoedelijke dood te ontrukken.

 

Amsterdamsche Courant 02 februari 1844

Gisteren namiddag heeft in de nabijheid van dit eiland (Schouwen) een allerdroevigst ongeluk plaats gehad. Schipper Pieter van Gilst, met zijn knecht, Engel Schoenmaker, beide van Bruinisse, hadden, met meerderen, hun vaartuigje aan de plaat het Noordland aan eene dreg gelegd, met voornemen om aldaar bij laag water wrakhout te gaan zoeken, dat daar mogt aangedreven zijn van het verongelukte schip DE ZEEUW. Door eene opkomende bui en het keeren van den wind moet hun scheepje, waarin reeds eenig hout geborgen was, door eene stortzee zijn overstelpt. Zonder dat er voor hen eenige mogelijkheid bestaan heeft, om zich zelven bij het opkomende water te redden, hebben zij alzoo daar hun leven op eene ijselijke wijze moeten laten. De overigen hadden nog tijdig vóór de bui de plaat verlaten, denkende dat Van Gilst hen spoedig zoude volgen. Heden morgen hebben zij het verongelukte scheepje nog op de plaat gevonden, doch daarbij geene lijken ontdekt. Beide laten weduwen met acht kinderen na. (Zierikzeesche Courant)

 

NRC 06 april 1849

Amsterdam, 5 april. Heden namiddag ten 1½ ure is van de werf De Boot van de scheepsbouwmeester Fred. Groen in de Grote Wittenburgerstaat alhier met goed gevolg te water gelaten het op die werf gebouwd koopvaardij barkschip AMICITIA, groot circa 250 Java-lasten, gebouwd voor rekening van de heren d’Arnaud & Co, gevoerd zullende worden door kapt. C. Abrahamsz Jr. en bestemd voor de vaart op Oost-Indië.

 

NRC 02 april 1851

Rotterdam, 1 april. Door de Nederlandsche Handel Maatschappij zijn bevracht de navolgende …. schepen als:

….Voor Amsterdam: …. AMICITIA, kapt. C. Abrahamsz. Jr;….

 

NRC 27 april 1851

Rotterdam, 26 april. Heden namiddag ten 1½ ure is van de werf De Boot van de scheepsbouwmeester Fred. Franç. Groen in de Groote Wittenburgerstraat te Amsterdam met het beste gevolg te water gelaten het barkschip AZIA, groot 300 lasten, gebouwd voor rekening van de heer G.W. van Barneveld Kooij, en bestemd tot de grote vaart, zullende gevoerd worden door kapt. C. Abrahamsz Jr.

 

NRC 20 juli 1851

Rotterdam, 19 juli. Door de Nederlandsche Handel Maatschappij zijn de volgende schepen bevracht:….

Voor Amsterdam: ANTOINETTA MARIA HENRIETTE, kapt. H.F. Zeylstra; ASIA, kapt. C. Abrahamsz Jr; DILIGENTIA, kapt. H.F. Horneman (van Rotterdam)……

 

NRC 19 januari 1856

Rotterdam, 18 januari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende …. schepen, als:….

Voor Amsterdam: ….. AZIA, kapt. C. Abrahams Jr;….

 

NRC 16 april 1861

Rotterdam, 15 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende ….. schepen als: …..

Voor Amsterdam: …..; WILHELMINA EN CLARA, kapt. C. Abrahamsz Jz; …..

 

NRC 02 april 1851

Rotterdam, 1 april. Door de Nederlandsche Handel Maatschappij zijn bevracht de navolgende …. schepen als:…

….Voor Amsterdam: …. AMICITIA, kapt. C. Abrahamsz. Jr; …..

 

NRC 27 april 1851

Rotterdam, 26 april. Heden namiddag ten 1½ ure is van de werf De Boot van de scheepsbouwmeester Fred. Franç. Groen in de Groote Wittenburgerstraat te Amsterdam met het beste gevolg te water gelaten het barkschip AZIA, groot 300 lasten, gebouwd voor rekening van de heer G.W. van Barneveld Kooij, en bestemd tot de grote vaart, zullende gevoerd worden door kapt. C. Abrahamsz Jr.

 

NRC 20 juli 1851

Rotterdam, 19 juli. Door de Nederlandsche Handel Maatschappij zijn de volgende schepen bevracht:….

Voor Amsterdam: ….; ASIA, kapt. C. Abrahamsz Jr; ….

 

NRC 19 januari 1856

Rotterdam, 18 januari. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende …. schepen, als:….

….Voor Amsterdam: …. AZIA, kapt. C. Abrahams Jr;….

 

NRC 16 april 1861

Rotterdam, 15 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn heden bevracht de navolgende …. schepen als: ….

….Voor Amsterdam: …. WILHELMINA EN CLARA, kapt. C. Abrahamsz Jz; ….

 

Java Bode 21 juni 1862

De Nederlandsche Handel-Maatschappij heeft aangenomen het schip WILLEMINA EN CLARA, kapt. Abrahamsz, voor het transport van 125 militairen en 4 à 6 kajuitpassagiers naar Java, en het schip PIETER, kapt. Hoogewerff, voor een transport Afrikaanse militairen van St. George d’Elmina tot de ingeschreven vracht van NLG 20.000 in eens

 

NRC 17 april 1863

Rotterdam, 16 april. Door de Nederlandsche Handel-Maatschappij zijn bevracht de navolgende ….. schepen, als: …..Voor Amsterdam: ….. WILHELMINA EN CLARA, kapt. C. Abrahamsz Jr.; ….

 

Dordrechtsche Courant 11 februari 1864

Zeetijdingen.

Helvoet, 9 februari. Vertrokken: EAGLE, kapt. Garwood, naar Ipswich.

Brouwershaven, 9 februari. Niets gepasseerd.

Te Texel aangekomen, 9 februari, WILLEMINA EN CLARA, kapt. Abrahamsz, van Batavia.

Helvoet, 10 februari. Vertrokken: EARL of AUCKLAND, stomer, naar Londen.

Te Singapore aangekomen, vóór 26 december CONSTANCE, kapt. Mulder, van Rangoon.

Te Melbourne aangekomen, vóór 26 december KRIMPEN A/D. LEK, kapt. Rotgans, van de Clyde.

 

NRC 06 oktober 1869

Amsterdam, 5 oktober. Het schip WATERLOO, kapt. Abrahamsz, is bij het vertrek uit het Nieuwediep met een ander schip in aanvaring geweest en heeft daarbij de grote ra gebroken. Het lag ter rede, en zou heden morgen in de haven terugkomen om de geleden schade te herstellen.

 

In een adres dd 12 december 1855 aan de Tweede Kamer der Staten Generaal drongen 58 gezagvoerders aan op de invoering van een Tuchtwet. Zij meldden dat de uitvoering van hun beroep dagelijks meer en meer werd belemmerd door de onmogelijkheid om aan boord der schepen behoorlijke orde en tucht te bewaren. Een van de ondertekenaars was C.Abrahamsz Jr van de bark “Azia”. 104.

 

Litteratuur van belang voor informatie omtrent het (maritieme) leven van Cornelis Abrahamsz Jr zijn:

  1. Autobiografie van Cornelis Abrhamsz. Jr. Originele manuscript in het NSM. Hiervan is een typoscript beschikbaar onder nummer Gr.80-6 I en II. Het typoscript heb ik doorgenomen o.a. op het voorkomen van personen (excl. familieleden) en de genoemde kapiteins zijn opgenomen in deze Lexicon. Ik heb wel de indruk, dat er in de transcriptie typefouten staan en een nauwkeurige biograaf zou dus het manuscript moeten raadplegen voor correcte citaten.
  2. Anna Abrahams. Journaal eener Oostindiesche Reis. De belevenissen van een tienjarig meisje in 1847 en 1848.

      Geannoteerde uitgave door de stichting Terra Incognita te Amsterdam. 1993. 72 pp.

      Dit geschriftje, met een inleiding van Marc A. van Alphen, bevat een handzame biografie van Cornelis Abrahamsz.

  1. Met de wind in het zeil. Verslag van een doctoraal werkcollege: Gezagvoerders bij de koopvaardij in de negentiende eeuw

      door Koos Meijles, Mei 1991, 49 pp. De gegevens over Abrahamsz staan op pp. 6 t/m 19 en zijn vooral ontleend aan de onder 1 genoemde autobiografie.

  1. Multatuli. Leven en werk van Eduard Douwes Dekker. Dirk van der Meulen. Uitg. SUN, Nijmegen 2002, 912 pp.

      Kapitein Abrahamsz was de zwager van Multatuli en de biografie vermeldt diverse keren de contacten tussen beide families. De godsdienstige Abrahamsz was zeer ongelukkig met de contacten tussen de atheïstische Douwes Dekker en zijn kinderen, o.a. zijn dochter Sietske.

  1. Het geannoteerde Journaal van Anna Abrahamsz en de scriptie van Meijles bevatten diverse referenties, die inzicht geven in het leven van kapitein Abrahamsz.

 

 

Datum vanaf: 1830
Kapitein: Abrahamsz Jr, Cornelis
Overige informatie: 1830 – 1839

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

L.Wildschut werd met vlagnummer 462 per 16 april 1839 ingeschreven als effectief lid van het Amsterdamse zeemanscollege Zeemanshoop op voordracht van kapitein F.C.Claus. Als zijn schip is genoemd de “Amsterdam”. Toegevoegd is “bedankt” 002. Ten tijde van de inschrijving waren kapitein Wildschut en zijn vrouw 28 resp. 24 jaaqr. Ingeschreven staan twee zonen, geboren in 1835 en 1838002a

In de Algemene Vergaderingen van het Amsterdamse zeemanscollege “Zeemanshoop” van 09/16 april 1839 werd als effectief lid voorgedragen/benoemd Lourens Wildschut, oud 28 jaar, voerend de schoenerkof “Amsterdam”, wonend op de Korte Prinsengracht 35, op voordracht van kapitein T.C.Claus. Hij kreeg vlagnummer 462023.

 

L.Wildschut was effectief lid van Zeemanshoop in de periode 1839 t/m 1854 met vlagnummer 462.

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 31 juli 1845 staat een brief van kapitein L.Wildschut. Hij ligt in scheiding “verzoekende bij zijn op handen vertrek, dat indien hij op reis mogt overlijden de uitkeering niet aan zijn weduwe maar aan zijn kinderen mag geschieden.” Het Bestuur stelt een uitspraak uit totdat het zover is.042.

In de notulen van de Bestuursvergadering van Zeemanshoop dd 24 april 1851 doet de penningmeester de mededeling dat een aantal leden waaronder L.Wildschut nalatig zijn in de betaling en zijn aangeschreven. In een nader bericht blijkt dat deze kapiteinheeft om uitstel van betaling heeft verzocht. Het Bestuur verleent hem dit uitstel yoy 01 oktober 1851. 042

In de notulen van de Bestuursvergadering dd 01 augustus 1854 staat de opzegging van het effectieve lidmaatschap van kapitein L.Wildschut.042.

 

De schepen van de kapitein

Vermelding on de Amsterdamsche Almanak voor Koophandel en Zeevaart001:

vlagnummer                 jaren          type                 scheepsnaam                                       naam reder/boekhouder

      462                       1839-1841    sch.kof           Amsterdam                                          Boolen & Co

                                     1842-1846    fregat              Johanna Catharina                              R.A.H.Tollius Bennet

                                     1848-1850    geen vermelding van schip en boekhouder

                                     1851-1853    brik                  Sara                                                       A.Roquette

 

Bouma025 vermeldt L.Wildschut als gezagvoerder gedurende:

*   1839 t/m 1842 op de kof “Amsterdam”, gebouwd in 1829 te Amsterdam, 168 ton o.m., varend voor Boolen & Co te Amsterdam. Het schip werd in 1842 verkocht;

*   1843 t/m 1848 van het fregat “Johanna Catharina”, gebouwd in 1840 te Amsterdam, 940 ton o.m., varend voor R.A.H.Tollius Bennet te Amsterdam. Het schip voer in 1849 voor Tollius Glurenkamp te Amsterdam en was herdoopt in “Sumatra”;

*   1847 t/m 1848 op het 3/m schip “Sumatra”, ex Johanna Catharina, gebouwd in 1840 te Amsterdam, 745 ton o.m., varend voor R.A.Tollius Bennett te Amsterdam.

            Discrepantie in de twee voorgaande opgaven.

 

Bouma025 vermeldt eveneens een L.Wildschut als gezagvoerder gedurende

*   1840 t/m 1842 van de kof “Jonge Cornelis”, gebouwd in 1838 te Hoogezand, 99 ton o.m., varend voor Th. Lefèvre te Amsterdam. Het wschip voer in 1846 voor J.A. & C.M. Simon Thomas te Amsterdam en was herdoopt in “Amsterdam

*   1840 t/m 1845 van de kof “Amsterdam” ex Jonge Cornelis, gebouwd in 1838 te Hoogezand, 99 ton o.m., varend voor Th. Le Fèvre te Amsterdam.

            Gezien de perioden en de naamgeving moet hier sprake zijn van fouten in de opgaven. Voorts moet er sprake zijn van een tweede persoon, die ik niet nader heb geïdentificeerd.

*   1852 t/m 1854 van de brik “Sara” ex Nickerie Packet, gebouwd in 1838 te Amsterdam, 170 ton o.m., varend voor A.Roquette te Amsterdam.

 

Overige bijzonderheden

De Harlinger Courant van begin april 1853 (preciese datum niet vermeld op de fotokopie) vermeldt het volgende bericht onder de rubriek GEPRAAIDE SCHEPEN096:

“5 April, op 51o20 Noorder breedte, 1o39 Ooster lengte, Sara, kapt. Wildschut, v. Amst. n. Suriname.

 

In de “Biografie van Cornelis Abrahamsz Jr” staat vermeld:

Abrahamsz zocht in 1839 naar een opvolger voor de “Amsterdam”:

     “Het gelukte mij dan ook een te vinden in de Persoon van Wildschut die mij door velen aanbevolen was en die ik meende als een geschikt persoon aan mijn patroon te kunnen aanraden.”

 

 

Datum vanaf: 1839
Kapitein: Wildschut, Lourens
Overige informatie: 1839 – 1842

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

De schepen van de kapitein

Bouma025 vermeldt J.H.Kappen als gezagvoerder gedurende:

      *    1825 t/m 1827 van de smak “Catharina”, geen gegevens over bouw, eigenaar en thuishaven. Het schip werd elk jaar 1 maal te Harlingen geregistreerd, komend van Noorwegen;

      *    1843 t/m 1848 van de kof “Concordia”, gebouwd in 1829 te Amsterdam, 168 ton o.m., varend voor Harmens & Zn te Harlingen;

      *    1849 t/m 1852 van hetzelfde schip maar nu varend voor Repko & Co te Harlingen.

 

Overige bijzonderheden

Leeuwarder Courant 31 maart 1829

Buitenlandsche Scheepvaart te Harlingen

“… Uitgezeild: Den 22 dezer , … de smakschepen de Vr. Elisabeth, kapt. Jan H.Kappen, de Jonge Jacob, kapt B.J.Siedses, beide met beenderen naar Hull,…”

 

 

Datum vanaf: 1842
Kapitein: Kappen, J.H.
Overige informatie: 1842 – 1852 CONCORDIA

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

B.F.de Boer werd per 01 juli 1851 met vlagnummer 18 ingeschreven als lid van het Harlinger zeemanscollege “Zeemansvoorzorg”. Zijn schip was de “Concordia”, boekhouder A.R.Blijstra. Zijn contributie werd betaald door Repko & Co te Harlingen. Hij was gehuwd met Sjoeke F.van Diepenbos, geboren 01 november 1818. Ten tijde van de inschrijving had het echtpaar 3 kinderen: Tjeerk (17 januari 1845), Hendrika (26 juni 1847) en Wietske (28 augustus 1849).028-fol 018

Bette Freerks de Boer was van 1851-1871 lid van het College “Zeemansvoorzorg”034.

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

De Boer overleed te Harlingen op 03 december 1871, laatst gevaren hebbende op de “Remelia Geertruida”. Zijn weduwe had recht op een uitkering uit het fonds van ¦ 875,- uit te betalen in 14 halfjaarlijkse termijnen. Zijn zoon Betting (9½ jaar) kreeg een uitkering van ¦ 10,- ineens 028-fol 018.

 

De schepen van de kapitein

lid van college Zeemanshoop te Harlingen036

vlagnummer        periode                type        naam van het schip                            boekhouder/reder

        H18                1851                 kof       Concordia034                                     Repko & Co, Harlingen

                               1854-1866            sch.kof  Johannes                                             Hubert Jans & Co, Harlingen

                               1867-1871            sch.kof  Remelia Geertruida

(ex Goede Verwachting)                                 Hubert Jans & Co, Harlingen

 

Bouma025 vermeldt B.F. de Boer als gezagvoerder gedurende:

*    1855 t/m 1866 van de schkof “Johannes”, gebouwd in 1850 te Lemmer, 130 ton o.m., varend voor Hubert Jans & Co te Harlingen. Het schip werd in 1866 verkocht in Noorwegen.

 

Overige bijzonderheden

Geen.

 

 

Datum vanaf: 1851
Kapitein: Boer, Betting Freerks de

Familiegegevens en opleiding

Geen

 

Lidmaatschap zeemanscollege(s)

A.R.Blijstra werd vermoedelijk in de loop van (?) met vlagnummer H40 ingeschreven als lid van het Harlinger zeemanscollege “Zeemansvoorzorg”. Zijn schip was de “Concordia”. Verdere bijzonderheden zijn niet vermeld028-fol.056.

A.R.Blijstra werd per 01 januari 1859 wederom (?) met vlagnummer H40 ingeschreven. Verdere bijzonderheden ontbreken028-fol.079.

Hij was van 1855-1856 met vlagnummer H44 en van 1857-1886 met nummer H40 lid van het College “Zeemansvoorzorg”034.

 

Opmerkingen in verband met lidmaatschap Zeemanscollege(s)

Geen

 

De schepen van de kapitein

Lid van het college Zeemansvoorzorg te Harlingen036

vlagnummer        periode               type       naam van het schip             boekhouder/reder

 H44/H40                1857                   glj        Maracaibo (ex Libau)        kap/eigenaar, Harlingen

                               1858-1860              kof      Concordia (ex Maracaibo) kap/eigenaar, Harlingen

                               1861-1863            sch.kof Concordia (ex Maracaibo) kap/eigenaar, Harlingen

 

In de Harlinger Courant van 21 maart 1853 staat in de rubriek  Schepen, welke alhier zijn uitgegaan het volgende096:

“26 Maart A.R.Blijstra Concordia, Ballast, Noorw.”

Vertrek en terugkomst van schepen in Amsterdam093:

A.R.Blijstra                          Concordia            21 juni 1861

 

Bouma025 vermeldt A.R.Blijstra als gezagvoerder gedurende:

*    1855 t/m 1856 van de kof “Concordia”, gebouwd in 1829 te Amsterdam, 168 ton o.m., varend als kapitein/eigenaar vanuit Harlingen. Het schip is in 1856 vergaan;

*    1857 t/m 1863 van de sch.kof “Concordia” ex Maracaibo, ex Libau, gebouwd in 1839 te Joure, 168 ton, varend als kapitein/eigenaar vanuit Harlingen. Het schip voer in 1865 voor J.Vriesendorp & Zn te Dordrecht en was herdoopt in “Mathilda”.

 

Overige bijzonderheden

Geen.

 

 

Datum vanaf: 1853
Kapitein: Blijstra, A.R.

Monsterrollen

Opgemaakt Amsterdam
Datum: 1829-05-09
Scheepsnaam voorvoegsel:
Scheepsnaam: AMSTERDAM
Schipper: Bakker, Joeke B
Scheepstype: kof
Grootte:

Bekijk alle monsterrollen Bekijk alle monsterrollen
Afbeeldingen


Omschrijving: AMSTERDAM onder gezagvoerder C. Abrahamsz Jr. aquarel gemaakt in 1837
Collectie: Fries Scheepvaartmuseum
Vervaardiger: Teupken Sr., Dirk Antoon (1801-1845)
Onderwerp: Zeeopname
Algemene informatie

1829

Op 24-04-1829 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een zeebrief aangevraagd voor kapt. Sjoeke Berends Bakker.

OHC 280529
Arrivementen: Te Havre, S.B. Bakker, van Amsterdam.
RC 060829
Amsterdam, 4 augustus. Bij Texel binnengekomen S.B. Bakker van Marennes.
RC 151029
Te Elseneur, S.B. Bakker van Amsterdam.
OHC 271029
Arrivementen: Te Dantzig S.B. Bakker van Amsterdam.
RC 191229
Amsterdam, 17 december. Het schip AMSTERDAM, kapt. S.B. Bakker, van Dantzig naar Bordeaux, was de 4e dezer in goede staat zeilende op de hoogte van Texel.

1830

OHC 070130
Arrivementen: Te Bordeaux S.B. Bakker van Dantzig.

Op 13-03-1830 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Sjoeke Berends Bakker. 

RC 060730
Amsterdam, 4 juli. Volgens brief van kapt. S.B. Bakker, voerende het schip AMSTERDAM, van St. Ubes naar Riga, in dato den 29e juni, was hij toen in goede staat zeilende op de hoogte van Texel; gemelde kapitein rapporteert, de 13e dito, op de hoogte van Kaap Finisterre, in goede staat gezien te hebben een fregat, tonende de vlag van het college Zeemans Hoop met n.° 284, zijnde die van kapitein B. Drayer, voerende het schip het SCHOON VERBOND, van Amsterdam naar Batavia; alsmede de 27e dito, in het Hoofden (opm: Nauw van Calais), een schip, tonende mede de vlag van bovengemeld College met n.° 106, zijnde die van kapt. T.K. Klein, voerende het schip NEDERLAND, van Amsterdam naar Suriname.
OHC 310730
Arrivementen: Te Riga S.B. Bakker van St. Ubes.
OHC 280930
Arrivementen: Te Hamburg S.B. Bakker van Riga.
OHC 281030
Texel, 25 oktober. Binnengekomen S.B. Bakker van Hamburg.

Op 01-12-1830 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een zeebrief en een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr. 

AH 021230
Advertentie. In lading ligt te Amsterdam naar: Suriname. Het schip AMSTERDAM, kapt. Cornelis Abrahams Jr. van Amsterdam. Adres bij D.B. Bosscher en Jan Corver en Co.

1831

AH 010131
Texel, 28 december. Vertrokken: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., naar Suriname.
SUC 170231
Paramaribo, 12 februari. Binnengekomen het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz. Jr. van Amsterdam.
SUC 030331
Cornelis Abrahamsz. Jr., voerende het nieuwgebouwd Nederlands kofschip, genaamd AMSTERDAM, is voornemens den 18 april e.k., met gemelde bodem naar Amsterdam te vertrekken; hebbende nog enige ruimte voor suiker en katoen, tot welkers aanvulling hij zich aan de heren planters en kooplieden aanbeveelt. Paramaribo den 1 maart 1831.
RC 120531
Amsterdam, 9 mei. De schepen HENRIETTE, kapt. J.E. Schneebeke en de VRIENDSCHAP, kapt. J. Visser, zouden in het laatst van maart en het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., omstreeks half april van Suriname vertrekken, alle naar Amsterdam.
RC 280631
Amsterdam, 26 juni. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. zou den 25 mei; de schepen CATARINA ANNA HELENA, kapt. P.H. Bos en NOORDHOLLAND, kapt. H.K. Ruyl, mede nog in die maand en het schip de GOEDE VERWACHTING, kapt. J.B. Bodeman, in het begin van juni van Suriname vertrekken, alle vier naar Amsterdam.
RC 020731
Amsterdam, 30 juni. Kapitein H. Rolff, voerende het schip EDAMS WELVAREN, den 14 mei van Suriname vertrokken en den 27 dezer te Amsterdam aangekomen, rapporteert, dat weinig dagen na hem van Suriname zouden vertrekken de schepen AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., CATHARINA ANNA HELENA, kapt. P. Hanssen Bos en de DRIE GEBROEDERS, kapt. K. Harms Ruyl, alle mede naar Amsterdam.
AH 130831
Texel, 11 augustus. Binnengekomen: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., van Suriname; ALIDA, kapt. J.T. Visser, van Havana; HOOP, kapt. P. Haasnoot, van Lissabon, na visitatie van de quarantaine ontslagen.
AH 160831
Cargalijst Amsterdam. AMSTERDAM, C. Abrahamsz Jr., van Suriname met suiker en katoen.
AH 061031
In lading ligt te Amsterdam: Naar Suriname. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. Adres bij B.D. Bosscher en Jan Corver & Co.

Op 31-10-1831 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr.

AC 271231
Texel, 24 december. Vertrokken: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., naar Suriname.

1832 

RC 280432
Rotterdam, 27 april. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., zou volgens brief van Suriname van den 3 maart, den 30 maart van daar naar Amsterdam vertrekken.
AH 080632
Texel, 6 juni. Binnengekomen: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, van Suriname.
AH 040732
In lading naar Suriname: Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher, Jan Corver en C. en d'Arnaud en C.

Op 14-07-1832 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr.

AH 260732
Kennisgeving: Getrouwd: 20 juli, (Amsterdam), C. Abrahamsz. Junior met K.D. Dekker. (Haarlem).
AH 100832
Texel, 8 augustus. Vertrokken: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., naar Suriname.
SUC 051032
Advertentie Paramaribo: Bothe & Fuchs hebben ontvangen met kapiteins J.D. Diets en C. Abrahamsz Jr., en bieden tot zeer billijke prijzen te koop aan, de volgende goederen als: Nieuwe haring; aardappelen; boter in 14 ponds vaatjes. (opm: bekort)

1833 

AH 060233
Scheepstijdingen. Binnengekomen: Texel, 4 februari. AMSTERDAM, kapt. W.C. Abrahams, van Suriname.
AH 080233
Carga-lijsten. Amsterdam. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., van Suriname.
AH 290533
In lading naar Suriname: Het schip AMSTERDAM, kapt. Cornelis Abrahamsz. Junior, van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher, Jan Corver & Co. en d’ Arnaud & Co.

Op 25-06-1833 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam opnieuw een Nederlandse zeebrief en een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr. 

AH 170733
Uitgezeild: Texel, 15 juli. ROSALIE, kapt. G.H. Bruin, naar Batavia; AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, naar Suriname.

1834 

AH 160134
Binnengekomen Texel, 14 januari. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz., van Suriname.
AH 170134
Carga-lijsten Amsterdam: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., met suiker en katoen, van Suriname.
RC 210134
Rotterdam, 20 januari. Kapt. C. Abrahams jr., voerende het schip AMSTERDAM, van Suriname in Texel binnen, rapporteert, dat hij de 10e en 11e dezer, op 53º16’ NB 4º12’ OL., gezien heeft een ten anker liggend schip, zonder fokkenmast of grote steng, hebbende de barks- en grote masten met de grote ra nog staande; als ook de 12e dito een geheel op zijde liggende en vol water gelopen brik, vermoedelijk, ingevolge het schilderwerk, thuis behorende in de Oost Zee, rondom welke verscheiden varen en stukken talk dreven.
AH 130234
Advertentie. In lading naar: Bordeaux. De Nederlandse schooner-kof AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. Adres bij Jan Corver en Comp. en Canne en Balwé.
AH 050334
Uitgezeild: Texel, 3 maart. De VRIENDSCHAP, kapt. D.G. Doeksen, naar Suriname; AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, HEKTOR, kapt. Mulder en NEPTUNUS, kapt. K. Sipsma, naar Bordeaux.
AH 090434
Binnengekomen: Bordeaux, 29 maart. De ONDERNEMING, kapt. H.G. Henrichs en HENDRIKA, kapt. H.B. Schipper, van Rotterdam; ATTENTIA, kapt. A.R. Sikkens, van Groningen; AMSTERDAM, kapt. Cornelis Abrahams Jr., van Amsterdam.
AH 230434
Uitgezeild: Bordeaux, 12 april. AMSTERDAM, kapt. Cornelis Abrahamsz Jr. en JEREMIAS, kapt. Sake Luitjes Stellingwerf, naar Amsterdam.
AH 070534
Carga-lijsten Amsterdam: AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz. Jr., van Bordeaux met wijn en hoepels.
AH 240534
In lading naar: Suriname. De schoenerkof AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz. Junior, van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher en Jan Corver en Comp.

Op 11-07-1834 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een Turkse pas aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr. 

AH 210734
Uitgezeild: Texel, 18 juli. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., naar Suriname.
NSU 120934
Paramaribo, 11 september. De 9e dezer is alhier binnengekomen het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., van Amsterdam.
SUC 201034
Paramaribo, 19 oktober. let op: een ander Nederlands schip met de naam AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., lag terzelfder tijd te Paramaribo in lading naar Amsterdam, en zou de 1e november 1834 sluiten.
NSU 041134
Naar Amsterdam ligt in lading het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., sluit 6 november, adres bij Gebr. Reijns.
SUC 131134
Paramaribo, 12 november. De 6e dezer werden alhier uitgeklaard de schepen ALEXANDER, kapt. A.S. Cassie, naar Rotterdam met 438 vaten suiker, 306 balen schone en 2 dito vuile katoen en 7 vaten rum, en AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, naar Amsterdam met 282 vaten suiker, 51 balen schone en 1 dito vuile katoen.

1835 

AH 240135
Scheepstijdingen. Binnengekomen: Texel, 22 januari. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., van Suriname.
AH 240135
Carga-lijsten Amsterdam. AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. van Suriname met suiker en katoen.
AH 040235
In lading naar: Suriname. Het schip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr., van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher en Jan Corver en Comp.
AH 140435
Uitgezeild: Texel, 12 april. EDAMS WELVAREN, kapt. K. Spiegelberg, AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams en HARMONIE, kapt. A. van der Meyden, naar Suriname.

Op 20-10-1835 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een zeebrief aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr.

1836

DC 190536
Middelburg, 16 mei. Eergisteren is ter rede van Veere aangekomen: het Nederlandse kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, van Suriname, met suiker en katoen, ligt in quarantaine.
RC 260536
Rotterdam, 25 mei. Van Middelburg wordt de 23e dezer gemeld, dat kapt. C. Abrahams, van Suriname aldaar aangekomen, rapporteert, dat hij de 10e dezer tussen Wight en Portland heeft gepraaid het brikschip WILLEM, kapt. J.F. Klomp, van Rotterdam naar Batavia.


1837 

RC 040237
Rotterdam, 3 februari. Te Middelburg is ter rede gearriveerd het kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams, van Suriname.
AH 020537
Texel, 29 april. Uitgezeild AMSTERDAM, C. Abrahams naar Suriname.
AH 311037
Kapt. C Abrahams Jr., voerende het schip AMSTERDAM, van Suriname, in Texel binnengekomen, rapporteert, op de uitreis van Amsterdam naar Suriname, den 14 mei bij Teneriffe gepraaid te hebben, het schip de ADMIRAAL TROMP, kapt. P.J. Kerkhoven, van Amsterdam naar Batavia.
AH 311037
Cargalijst Amsterdam. AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr. van Suriname met suiker en katoen.
AH 241137
In lading te Amsterdam naar: Suriname. Het gezinkt schoener kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr. Adres bij B. D. Bosscher.

Op 23-12-1837 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een zeebrief aangevraagd voor kapt. Cornelis Abrahams jr.

1838

AH 050138
In lading te Amsterdam naar: Suriname: het gezinkt schoenerkofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahamsz Jr., adres bij B.D. Boscher.
AH 090138
Texel, 7 januari. Uitgezeild AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr. naar Suriname.
AH 160638
Helvoetsluis, 14 juni. Binnengekomen AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr. van Nickerie.
AH 070938
Helvoetsluis, 5 september. Uitgezeild AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr. naar Nickerie.


1839

AH 070139
Helvoetsluis, 4 januari. Binnengekomen AMSTERDAM, C. Abrahamsz jr. van Suriname.
AB 080239
In lading naar: Suriname, het schoener kofschip AMSTERDAM, kapt. Cornelis Abrahams Jr., van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher.
AH 100439
Maandag 8 april, in de Nieuwe Stads Herberg aan het Y verkocht.
1. Een achtste part in het driemast schoener kofschip NICOLAAS JOHANNES, kapt. K.Y. Parma. Liggende alhier, fl. 536. In slag fl. 20. C.A. Schroder.
2. Een zestiende part in het kofschip AMSTERDAM, kapt. C. Abrahams Jr. Liggende alhier, fl 800. In slag fl. 100 A.W. Abrahams.
AB 030639
Middelburg 31 Mei. Gisteren namiddag ten 3 ure is van de werf der commercie-compagnie dezer stad met het beste gevolg van stapel gelopen, het fregatschip de ZEEUW, groot ongeveer 500 lasten, bestemd voor de vaart op Oost-Indië, en gebouwd door den scheepsbouwmeester F. Haverkamp, voor rekening van de rederij, onder directie van de heren van den Broecke, Luteyn en Schouten; zullende dit schip gevoerd worden door kapitein C. Abrahams.
SUC 260639
Paramaribo, 25 juni.
In lading naar Amsterdam. Het Nederlands kofschip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut. Adres bij gebroeders Reijns.
SUC 230839
Paramaribo. Uitgeklaard. Den 22 augustus, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, naar Amsterdam, lading: 294 vaten suiker en 32 balen schone katoen.
RC 050939
Te Nickerie is aangekomen kapitein L. Wildschut, van Amsterdam naar Suriname, en zou den 25 juli naar Rotterdam vertrekken.
AH 200939
Helvoetsluis, 18 september. Binnengekomen AMSTERDAM, L. Wildschut van Nickerie.
RC 101039
Te Rotterdam ligt in lading naar: Nickerie het Nederlands gekoperd galjootschip AMSTERDAM, kapitein L. Wildschut. Adres bij Kuijper, van Dam en Smeer.

Op 25-10-1839 wordt voor de AMSTERDAM door de firma Boolen & Co. uit Amsterdam een zeebrief aangevraagd voor kapt. L. Wildschut.

AH 311039
Helvoetsluis, 29 oktober. Vertrokken AMSTERDAM, L. Wildschut naar Nickerie.
SUC 151239
Paramaribo. Binnengekomen. Den 13den, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, van Rotterdam, hebbende 36 dagen reis.

1840

RC 190340
Helvoetsluis, 17 maart. Binnengekomen AMSTERDAM, L. Wildschut van Nickerie.
AH 200340
Cargalijst Rotterdam. AMSTERDAM, L. Wildschut van Nickerie met 301 vaten suiker en 10 vaten rum.
AH 150440
In lading naar: Suriname. Het gezinkt kofschip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher.
AB 210540
Texel, 19 mei. Vertrokken AMSTERDAM, L. Wildschut naar Suriname.
SUC 070740
Paramaribo. Binnengekomen, 5 juli,  AMSTERDAM, L. Wildschut, van Amsterdam, hebbende 44 dagen reis, met 3 passagiers.
SUC 130840
Vertrokken, 11 augustus, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, naar Amsterdam, lading: 218 vaten suiker, 3 balen gebroken koffie, 43 balen schone- en 3 balen vuile katoen, 170 balen cacao en 20 vaten rum.
AB 111140
Amsterdam. In lading naar: Suriname, het gezinkt schoener kofschip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, van Amsterdam. Adres bij B.D. Bosscher.
AB 141240
Texel, 12 december. Vertrokken AMSTERDAM, L. Wildschut naar Suriname.

1841

SUC 230141
Paramaribo. Binnengekomen, 20 januari,  AMSTERDAM, L. Wildschut, van Amsterdam, hebbende 28 dagen reis.
SUC 160241
Paramaribo. In lading naar Amsterdam, het Nederlands kof schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut. Adres bij gebroeders Reijns.
SUC 040341
Paramaribo. Vertrokken, den 3 maart, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, naar Amsterdam; lading : 228 vaten suiker, 13 balen vuile katoen, 40 vaten rum, 3 vaten met huiden en 21 ponden inlands hout.
AH 210441
Texel, 19 april. Binnengekomen AMSTERDAM, L. Wildschut van Suriname.
AH 220441
Carga-lijsten Amsterdam: AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, van Suriname met suiker, rum, huiden, katoen en hout.
AH 260641
Texel, 23 juni. Uitgezeild AMSTERDAM, L. Wildschut naar Suriname.
SUC 200841
Paramaribo. Binnengekomen. Den 18 augustus, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, van Amsterdam, hebbende 54 dagen reis: passagier: de heer Jacob Willem Bruce Franke.
NSU 131041
Paramaribo. Uitgeklaard. Den 11oktober, het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, naar Amsterdam, lading: 137 vaten suiker, 9 vaten hele en 21 vaten en 4 balen gebroken koffie, 54 balen schone- en 4 balen vuile katoen, 30 vaten rum, 28 balen cacao. 3 pies letterhout, 1 vat arraroet, 215 ponden oud lood, en 1 vat Lemmetjes water (opm: Limoensap).
SUC 121141
Paramaribo. Overleden. 5 oktober, Olief Pettersen Schmit, matroos aan boord van het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, oud 32 jaren en 9 oktober, Frederik Ernst Albert, lichtmatroos aan boord van het schip AMSTERDAM, kapt. L. Wildschut, oud 16 jaren.

1842

AH 050142
Texel, 3 januari. Binnengekomen AMSTERDAM, L. Wildschut van Suriname.
AH 140342
Advertentie. G.J.R. Holst, J. Corver, J,H,A, Balwé, H. Salm. A.A. van der Crab, S. Willeumier, Jr., B.D. Bosscher, A.W. Abrahams, J.H. Lugt, D. Beth en J. Helt, makelaars, zullen op dinsdag de 29e maart 1842, des avonds ten 6 ure precies, te Amsterdam, in de Nieuwe Stads Herberg aan het IJ verkopen een extra ordinair welbezeild gezinkt schoener kofschip, genaamd AMSTERDAM, gevoerd door kapitein L. Wildschut, volgens Nederlandse meetbrief lang 26 ellen 10 duimen, wijd 4 ellen 91 duimen, hol 2 ellen 95 duimen en alzo gemeten op 168 tonnen of 89 lasten. En dat met al deszelfs rondhout, wand, ankers, touwen, zeilen, enz. breder bij inventaris en bericht bij bovengemelde makelaars. (opm: voor NLG 8.300 verkocht aan Repko & Feersma, Harlingen; nieuwe scheepsnaam CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen)

Op 16-04-1842 wordt voor de CONCORDIA door de firma Repko & Feenstra uit Harlingen een zeebrief aangevraagd voor kapt. Jan H. Cappen.

AH 290442
Vlie, 25 april. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Larvik.
LC 140642
Harlingen, 5 juni. Uitgezeild het kofschip CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen naar Noorwegen.
AH 110742
Vlie, 8 juli. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Drammen.
LC 270942
Harlingen, 18 september. Binnengekomen AMSTERDAM (opm: CONCORDIA), J.H. Cappen van Drammen.

1843

AH 040343
Vlie, 3 maart. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Noorwegen.
RC 130443
Arrivementen: Bij Texel binnengekomen J.H. Cappen van Droback.
AH 290443
Vlie, 25 april. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen op avontuur.
AH 220543
Vlie, 16 mei. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Oudsoen.
AH 050643
Vlie, 1 juni. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Droback.
AH 270643
Vlie, 24 juni. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Droback.
AH 020843
Vlie, 29 juli. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Memel.
AH 280943
Carga-lijsten Amsterdam: CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen, van Dantzig met hout en rogge.
LC 071143
Uitgezeild: Den 29 oktober het kofschip CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen, naar Schotland.

1844

LC 120344
Harlingen, 8 maart. Uitgezeild CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen, JAN FREDRIK, kapt H.H. Kok, beide naar de Oostzee.
RC 260344
In de Sont dreef den 19 maart weinig ijs. Dien dag waren daarin aangekomen de schepen JEANNETTE, G.J. Otten, van den Helder naar de Oost Zee, en CONCORDIA, J.H. Cappen, van Harlingen naar Dantzig.

Op 20-05-1844 wordt voor de CONCORDIA door kapt. Jan H. Cappen uit Harlingen een zeebrief aangevraagd voor zichzelf.

AH 240944
Vlie, 20 september. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Drammen.
RC 291044
Texel, 25 oktober. Binnengekomen J.H. Cappen van Drammen.

1845

AH 120545
Vlie, 8 mei. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Holmstrand.
NRC 270645
Vlie, 24 juni. Gearriveerd CONCORDIA, J.H. Cappen van Oudsoen.
AH 070845
Vlie, 2 augustus. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Fredrikstad.
AH 060945
Vlie, 3 september. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Fredrikstad.
AH 160945
Vlie, 13 september. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Larvik.
LC 211045
Harlingen, 16 oktober. Binnengekomen de kofschepen CONCORDIA, kapt. J.H. Cappen, van Larvik, JAN FREDRIK, kapt, H.H. kok, van Oostrisoer.
AH 221245
Vlie, 19 december. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van St. Davids.

1846

Op 08-05-1846 wordt voor de CONCORDIA door kapt. Jan H. Cappen uit Harlingen een zeebrief aangevraagd voor zichzelf.

AH 190546
Vlie, 16 mei. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Nerva.
AH 230746
Texel, 21 juli. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Fredrikstad.
AH 210846
Vlie, 18 augustus. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Fredrikstad.
AH 300946
Vlie, 27 september. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Larvik.
AH 121046
Vlie, 7 oktober. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Larvik.
LC 241146
Harlingen, 20 november. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Noorwegen met hout.

1847

RC 060347
Vlie, 3 maart. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Noorwegen.
RC 220647
Den 14 juni de Sont gepasseerd ONDERNEMING, S.J. Dekker, van Dantzig,en CONCORDIA, J.H. Cappen, van Riga, beiden met hout naar Harlingen.
NRC 300647
Vlie, 27 juni. Gearriveerd CONCORDIA, J.H. Cappen van Riga.
NRC 100747
Vlie, 6 juli, Vertrokken CONCORDIA, J.H. Cappen naar Riga.
RC 170847
Bolderaa, 5 augustus. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Elseneur.
AH 110947
Vlie, 8 september. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Drammen.
NRC 131047
Vlie, 10 oktober. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Fredrikstad.
AH 281247
Texel, 25 december. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Fredrikstad.

1848

NRC 270448
Vlie, 22 april. Gearriveerd CONCORDIA, J.H. Cappen van Oudsoen.
AH 090548
Vlie, 6 mei. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Nerva.
NRC 070848
Vlie, 3 augustus. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Christiansand.
AH 300848
Vlie, 26 augustus. Gearriveerd CONCORDIA, J.H. Cappen van Christiansand.
AH 031048
Vlie, 30 september. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Drammen.
AH 171048
Vlie, 13 oktober. Vertrokken CONCORDIA, J.H. Cappen naar Fredrikstad.
NRC 161248
Bremerhaven, 11 december. Alhier is gearriveerd de Nederlandse kof CONCORDIA, kapt. Cappen (opm: J.H. Kappen), van Noorwegen met hout naar Harlingen bestemd, met verlies van zeilen, zijnde het schip een weinig lek.
RC 281248
Het schip CONCORDIA, kapitein J.H. Cappen, van Fredrikstad naar Harlingen, te Bremerhaven binnen, heeft den 23 december de reis voortgezet.

1849

AH 140649
Vlie, 11 juni. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Archangel.
AH 301149
Terschelling, 25 november. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Fredrikstad.


1850

RC 020750
Van Kroonstad, 18 juni, J.H. Cappen naar Amsterdam.
NRC 180750
Vlie, 15 juli. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Kroonstad.

Op 30-07-1850 wordt voor de CONCORDIA door kapt. Jan H. Cappen uit Harlingen een zeebrief aangevraagd voor zichzelf.

AH 090850
Vlie, 5 augustus. Uitgezeild CONCORDIA, J.H. Cappen naar Fredrikstad.
NRC 110950
Vlie, 8 september. Binnengekomen CONCORDIA, J.H. Cappen van Fredrikstad.
LC 241250
Advertentie. De notaris Wijma, te Harlingen, zal aldaar, op woensdag den 8 januari 1851, ’s namiddags ten 3 uren, in het logement van Douwe Minnema, in het openbaar presenteren te verkopen:
1: Het Kofschip, genaamd CONCORDIA, gemeten op 26 el 10 duim lengte, 4 el 91 duim wijdte en op 2 el 93 duim hol, geijkt op 168 ton, gevoerd door kapitein J.H. Cappen.
2: Het Kofschip, genaamd JAN FREDRIK, gemeten op 24 el 20 duim lengte, 5 el 35 duim wijdte en 2 el 88 duim hol, geijkt op 137 ton, gevoerd door kapitein Harm H. Kok.
3: Het Kofschip, genaamd HENDRIK, gemeten op 25 el 20 duim lengte, 4 el 55 duim wijdte en 2 el 47 duim hol, geijkt op 126 ton, gevoerd door kapitein J.A. Keun.
 Allen met derzelver rondhouten, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil en verdere scheeps- en andere goederen, zodanig ze zijn liggende in de Zuiderhaven te Harlingen; dadelijk na den verkoop vrij te aanvaarden.
Nader onderricht ten kantore van de heren Harmens en Zoon en van den notaris te Harlingen.

1851 

AH 030151
Advertentie. De notaris Wyma te Harlingen zal aldaar op woensdag de 8e januari 1851, des namiddags ten 3 ure, in het logement van Douwe Minnema in het openbaar presenteren te verkopen:
Het kofschip genaamd CONCORDIA, gemeten op 26 ellen 10 duim lengte, 4 ellen 91 duim wijdte en op 2 ellen 95 duim holte, geijkt op 168 tonnen, gevoerd door kapt. J.H. Cappen.
Het kofschip genaamd JAN FREDERIK, gemeten op 24 ellen 20 duim lengte, 5 ellen 35 duim wijdte en 2 ellen 38 duim holte, geijkt op 137 tonnen, gevoerd door kapt. Harm H. Kok.
Het kofschip genaamd HENDRIK, gemeten op 25 ellen 20 duim lengte, 4 ellen 55 duim wijdte en 2 ellen 47 duim holte, geijkt op 126 tonnen, gevoerd door kapt. J.A. Keun.
Alle met derzelver rondhouten, opstaand en lopend want, ankers en touwen, zeil en treil en verdere scheeps- en andere goederen, zodanig als zij zijn liggende in de Zuiderhaven te Harlingen en dadelijk na de verkoop vrij te aanvaarden. Nader onderricht ten kantore van de heren Harmens & Zonen en van de notaris te Harlingen.
(opm. het schip wordt verkocht aan kapt. A.R. Blijstra)

 

Kroniekberichten

Toon kroniekberichten
Akten

GEMEENTEARCHIEF Amsterdam
archiefnummer 5074 – 1420 – 1829 – no. 9

BIJLBRIEF Amsterdam

plaats en datum acte Amsterdam, 18 april 1829

type schip kofschip

kapitein

Bouwwerf/verkoper Barend Groen & Compagnie, Amsterdam, scheepswerf
De Boot

Eigenaar / koper Heeren Boolen & Compagnie, Amsterdam

te voeren door kapt. Soeke Berends Bakker

grootte in tonnen 87 lasten

tuigage / aantal dekken

afmetingen 25,60 x 4,86 x 2,99 m

kiellegging 25.6.1828

tewaterlating 11.12.1828

plaats / nr van registratie Amsterdam, deel 15 folio 50 verso vak 7

datum registratie 18 april 1829

notaris

prijs

bijzonderheden meetbrief no 80 dd 16.4.1829




Naam AMSTERDAM
Archiefinstelling Stadsarchief Amsterdam
Jaar 1829
Toegang 5074
Inventaris 1420
Klik hier om de originele akte te bekijken

Stadsarchief Amsterdam Archiefnummer AMS 5074.1417.1829.9

deel VI, foto 097, 098
CEDULE

Naam schip AMSTERDAM

plaats en datum acte eigendomsbewijs, Amsterdam, 21 april 1829

type schip niet vermeld (waarschijnlijk brik)

bouwwerf/verkoper niet vermeld

gevoerd door kapt.

eigenaar/koper zie bijlage

te voeren door kapt. Joeke Berends Bakker (mede-eigenaar)

grootte in tonnen 87 lasten

tuigage / aantal dekken twee masten, een dek

afmetingen

kiellegging

tewaterlating gebouwd te Amsterdam

plaats / datum registratie Amsterdam, 21 april 1829

nummer registratie deel 19, folio 169, verso, vak 7

notaris Regtbank van Eerste Aanleg, Amsterdam

prijs

Bijzonderheden: getoond wordt de bijlbrief, het schip is voor rekening van de in de bijlage genoemde eigenaren gebouwd en ligt thans te Amsterdam.
De datum van de acte is NIET de datum van de transactie. De juiste datum vindt men in Amsterdam AB 1819-1838.




researcher/datum research: ML / 140915

bijlage bij acte 9 van 1829, schip AMSTERDAM
eigenaren per medio maart 1829:

firma Booten & Co., Amsterdam (boekhouders en 1/4e part)
firma Johannes Glasbergen & Zoonen, Amsterdam (1/4e part)
Wed. Johannes Glasbergen, geboren Farrel, Amsterdam (1/8e part)
J.J.A. Steenstrand, Amsterdam (1/16e part)
Joeke Berends Bakker, Amsterdam (schipper en 1/16e part)
firma Wed. van Seldam & J. Mannory, Amsterdam (1/16e part)
firma Canne & Balwé, Amsterdam (1/16e part)
Pieter Lugt Jansz., Amsterdam (1/32e part)
Wed. P.L. Berthemy (?), geboren Boolen, Amsterdam (1/32e part)
firma Holst, Graafland & Strik, Amsterdam (1/32e part)
Hendrik Salm, Amsterdam (1/32e part)


ML / 140915

Naam AMSTERDAM
Archiefinstelling Stadsarchief Amsterdam
Jaar 1829
Toegang 5074
Inventaris 1417
Klik hier om de originele akte te bekijken

Tresoar, Leeuwarden Archiefnummer Harlingen, toeg.19-06, inv. 383, no. 17

foto P1020766 - 768
KOOPAKTE

Naam schip AMSTERDAM
nieuwe naam CONCORDIA

plaats en datum akte openbare verkoping, Amsterdam, 29 maart 1842

type schip gezinkte schoener-kof

bouwwerf/verkoper firma Boelen & Co., Amsterdam (boekhouders) en mede-reders

gevoerd door kapt. L. Wildschut

eigenaar/koper Repko & Feersma, cargadoors te Harlingen

te voeren door kapt.

grootte in tonnen 168 tonnen of 89 lasten

tuigage / aantal dekken

afmetingen 26,10 x 4,90 x 2,95 meter

kiellegging

tewaterlating indertijd gebouwd te Amsterdam.

plaats / datum registratie Amsterdam, 29 maart 1842

nummer registratie deel 109, folio 21, recto, vak 9

notaris J. Copius Peereboom, deurwaarder te Amsterdam

prijs NLG 8.300,-

Bijzonderheden: de naam van de kopers is helaas volstrekt onleesbaar.
Het schip lag bij de verkoping bij de werf De Boot aan de Groote Wittenburgerstraat te Amsterdam. Op 4 april 1842 is de verkoop ingeschreven bij het kantoor der hypotheken te Amsterdam in deel 1 no. 134. Brandmerk 134 AMST 1842

16.04.1842 eerste (bedoeld is nieuwe) zeebrief voor de CONCORDIA, aangevraagd door Repko en Feersma, Harlingen voor kapt. J.H. Cappen


researcher/datum research: ML / 280517

Naam CONCORDIA
Archiefinstelling Tresoar, Leeuwarden
Jaar 1842
Toegang 19-06
Inventaris 383

Tresoar, Leeuwarden Archiefnummer Harlingen, toeg.19-06, inv. 383, no.72

foto P1020848 - 850
KOOPAKTE

Naam schip CONCORDIA

plaats en datum akte onderhandse verkoop/koop, Harlingen, 11 februari 1851

type schip kof

bouwwerf/verkoper minderjarige kinderen van wijlen IJbele Jans Repko, Harlingen

gevoerd door kapt.

eigenaar/koper Anne Reinders Blijstra, broodbakker te Harlingen, en zijn echtgenote Sjoukje Sipkes Westerbaan

te voeren door kapt.

grootte in tonnen 168 tonnen (meetbrief Amsterdam no.195 van 1 juni 1849)

tuigage / aantal dekken

afmetingen 26,10 x 4,91 x 2,95 meter

kiellegging

tewaterlating

plaats / datum registratie Harlingen, 11 februari 1851

nummer registratie deel 38, flio 49, verso, vak 8

notaris Mr. Sjoerd Simon Wijma, notaris te Harlingen

prijs NLG 6.000,-

Bijzonderheden: het schip ligt bij deze transactie in de Zuiderhaven te Harlingen.

21.02.1851 nieuwe zeebrief voor de CONCORDIA, aangevraagd door A.R. Blijstra voor kapt. B. de Boer


researcher/datum research: ML / 060617

Naam CONCORDIA
Archiefinstelling Tresoar, Leeuwarden
Jaar 1851
Toegang 19-06
Inventaris 383

Bronnen

Jaar: 1829
Bron: Diverse Bronnen
Omschrijving: N.A. Den Haag, toegang nummer 2.08.01.07 Zeebrieven verbalen, diverse bestanddelen.
Gemeente archief, Amsterdam archiefnummer 5074 – 1420 – 1829 – no. 9
Gemeente archief, Amsterdam Archiefnummer AMS 5074.1417.1829.9
Tresoar, Leeuwarden Archiefnummer Harlingen 19.06.383.17
AC = Amsterdamsche Courant
AH = Algemeen Handelsblad
DC = Dordtsche Courant
LC = Leeuwarder Courant
NRC = Nieuwe Rotterdamsche Courant
NSC = Nieuwe Surinaamsche Courant
OHC = Opregte Haarlemsche Courant
RC = Rotterdamsche Courant
SUC = Surinaamsche Courant